AI assistant
Nextensa SA — Annual Report 2024
Mar 28, 2025
Preview isn't available for this file type.
Download source fileNextensa NV Jaarverslag 2024
Brief aan de aandeelhouders ......................................................................................................................... 4
1. profiel & strategie ...................................................................................................................................................... 8
Nextensa in het kort ... 9
Kerncijfers 2024 (financiële & niet-financiële) ................................................................................................................................................. 10
De mijlpalen van 2024 ... 16
Nextensa op de beurs ... 18
Missie, visie en waarden ... 21
Strategie ... 25
Business model ... 28
Nextensa’s waardeketen ... 29
-
JAARVERSLAG ........................................................................................................................................................................ 30
Activiteitenverslag ... 31
Toelichting bij de geconsolideerde resultatenrekening en balans ............................................................................................ 39
Vooruitzichten voor het boekjaar 2025 ... 41
Corporate governance verklaring ... 42
Diversiteitsbeleid ... 56
Compliance ... 57
Interne controle en risicobeheer ... 60
Andere betrokken personen ... 61
Remuneratieverslag ... 62
Transacties met verbonden partijen - belangenconflicten ................................................................................................................ 68
Inkoop van eigen aandelen ... 71
Elementen die van aard zijn een gevolg te hebben in geval van een openbare overnamebieding ....... 72
Risicofactoren ... 75 -
DUURZAAMHEIDSVERSLAG ........................................................................................................................................ 86
Algemene informatie ... 87
Milieu-informatie ... 104
Vrijwillige informatie ... 140
Bijlagen ... 165
Inhoud 2 -
VASTGOEDVERSLAG ........................................................................................................................................................... 170
Belangrij kste (her)ontwikkelingsprojecten in 2024 .................................................................................................................................... 171
Vastgoedportefeuille ... 189
Analyse v an de vastgoedportefeuille ... 202 -
Geconsolideerde financiële staten 2024 ............................................................................................... 210
Gecon solideerde financiële staten & toelichtingen .................................................................................................................................. 211
Versla g van de commissaris ... 280 -
BijlageN .................................................................................................................................................................................... 288
Lexicon ... 289
Alternative Performance Measures ... 292
De wettelijk vereiste inhoud van het jaarverslag is verwerkt in hoofdstuk 2 van dit ‘jaarverslag’, dat daarnaast ook niet-verplichte informatie bevat. We combineren het jaarverslag over de Belgische statutaire jaarrekening van Nextensa NV met het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening van de Nextensa groep. Andere rapporten en de websites waarnaar we verwijzen in dit ‘jaarverslag’, maken geen deel uit van het wettelijk verplichte jaarverslag. Met de Nextensa groep, we of de groep bedoelen we de geconsolideerde entiteit, dus de vennootschap Nextensa NV inclusief alle in de consolidatiekring opgenomen vennootschappen. Met Nextensa of de Vennootschap bedoelen we enkel die vennootschap. Het jaarverslag is verkrijgbaar in een Nederlandse ESEF-versie (European Single Electronic Format), een Nederlandse PDF-versie en een Engelse PDF-versie. De Nederlandse ESEF-versie is de originele versie en de andere versies zijn officieuze versies. Indien er toch verschillen tussen de verschillende taal- en format-versies zouden zijn, dan heeft die Nederlandse ESEF-versie voorrang. Vanwege de technische beperkingen die inherent zijn aan de blok-tagging van de geconsolideerde jaarrekening volgens het Europese enkelvoudige elektronische formaat, kan de inhoud van bepaalde tags van de toelichtingen mogelijk niet identiek worden weergegeven aan de bijbehorende geconsolideerde jaarrekening.PERSONEN VERANTWOORDELIJK VOOR DE INHOUD
De leden van de raad van bestuur van Nextensa verklaren, voor zover hen bekend, dat:
* de financiële staten zijn opgesteld overeenkomstig de toepasselijke standaarden voor jaarrekeningen, een getrouw beeld geven van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van Nextensa en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen;
* het jaarlijks financieel verslag een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van Nextensa en van de positie van het bedrijf en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsmede een beschrijving bevat van de voornaamste risico’s en onzekerheden, conform de verordening (EU) 2017/1129, waarmee zij geconfronteerd wordt.
TOEKOMSTGERICHTE VERKLARINGEN
Voor zover dit jaarverslag toekomstgerichte verklaringen omvat, zijn deze verklaringen onderhevig aan risico’s en onzekerheden die tot gevolg kunnen hebben dat de feitelijke resultaten wezenlijk kunnen verschillen van de resultaten die door dergelijke toekomstgerichte verklaringen in dit jaarverslag kunnen worden verondersteld. Belangrijke factoren die dergelijke resultaten kunnen beïnvloeden zijn met name veranderingen in de economische situatie, commerciële, fiscale en omgevingsfactoren.
Inhoud
3 Brief aan de aandeelhouders
Park Lane - België
Boodschap van de voorzitter en CEO
2024 was voor de vastgoedsector zeker niet het jaar van het grote herstel. De geopolitieke onzekerheden, de moeizame economische groei en het stagnerend investeringsritme van institutionele vastgoedspelers hebben de motor van de sector niet doen aanslaan voor een relance. De woningmarkt zowel in België, maar zeker in Luxemburg is fel afgekoeld en het spraakmakend debat over betaalbare woningen gecombineerd met hoge constructieprijzen is een hot topic geworden in alle Europese landen. Het moeilijke vergunningsbeleid in Brussel en Vlaanderen stimuleert de verdere groei en opmars van residentiële fondsen. In het kantorensegment zwakt de huuropname verder af en is de interesse bij vastgoedinvesteerders fel afgenomen. Desondanks dit weinig opbeurende jaar, was Nextensa aan zet. De strategie om verouderde of minder strategische gebouwen te vervangen door de ontwikkeling van duurzaam vastgoed wordt nu een realiteit. De gemengde binnenstedelijke projecten zijn duidelijk het ticket voor de toekomst. De huur op Tour & Taxis blijft stijgen en dit dankzij het stijgend aantal bezoekers die afkomen op de vele evenementen, restaurants, sportfaciliteiten en andere voorzieningen die Tour & Taxis biedt. Voorlopig blijft Tour & Taxis ook gespaard van de residentiële crisis: de verkoop van de appartementen op Park Lane II verloopt volgens plan, met 310 verkochte units op een totaal van 364. De opleveringen vinden plaats tussen november 2024 en het derde kwartaal van 2025, tot tevredenheid van de kopers. Deze multifunctionaliteit, gecombineerd met de grootste aandacht voor duurzaamheid, heeft Proximus overtuigd haar hoofdzetel vanuit de Noordwijk naar onze site te verhuizen waar tegen begin 2029 37.000 m² aan kantoorruimte zal worden gebouwd. Ook in Luxemburg werd er op Cloche d’Or een belangrijke deal getekend met State Street Bank die hun hoofdzetel zullen onderbrengen in het kantoorproject Stairs, een toonaangevend gebouw van 10.000 m². Verder hebben de desinvesteringen zich doorgezet met de verkoop van Hygge, Foetz en Brixton, en in het begin van 2025 met de verkoop van de Knauf Shoppingcenters. Samen voor een totaalbedrag van € 240 M.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
5
Piet Dejonghe Michel Van Geyte
“De keuze van 3,5 jaar geleden om radicaal te veranderen naar een hybride model van toekomstgerichte ontwikkelaar / investeerder die zich richt op gemengde projecten in voornamelijk stedelijke omgevingen blijkt de juiste te zijn.”
Michel Van Geyte
Deze bewegingen brachten wel met zich mee dat er een eenmalig verlies is genomen met de verkoop van Knauf waardoor het netto resultaat op € -10 M belandde. Deze strategische transactie was nodig teneinde de toekomstgerichte projecten verder te financieren. Nextensa zal in 2025 eveneens de torens van Proximus, omgedoopt in Bel Towers, verwerven waardoor er een nieuw project van 100.000 m² in de pijplijn zit. Nextensa zal in 2025 zijn uitgezette strategie verder doorduwen en verwacht iets meer optimisme in de markt. Toch moeten we ook niet blind zijn voor de ernstige geopolitieke dreigingen en zal Nextensa verder een politiek van derisking hanteren gecombineerd met toekomstgerichte ontwikkelingen.
Opgemaakt te Brussel op 28 maart 2025
Piet Dejonghe
Voorzitter van de Raad van Bestuur
Michel Van Geyte
Gedelegeerd bestuurder
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
6
we create next door neighbourhoods
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
7
profiel & strategie
1 Gare Maritime - België
Nextensa is een toonaangevende vastgoedinvesteerder en -ontwikkelaar die duurzame en levendige ruimtes creëert voor wonen, werken en winkelen, met een focus op het genereren van waarde voor alle belanghebbenden. Het bedrijf werd opgericht als een gereglementeerde Belgische vastgoedvennootschap onder de naam Leasinvest Real Estate voordat het, in 2021, een gemengde vastgoedinvesteerder en -ontwikkelaar werd na een fusie met Extensa. De fusie van de twee vastgoedspelers (Leasinvest en Extensa) zorgt voor een unieke marktpositie door de combinatie van recurrente huurinkomsten uit vastgoedinvesteringen met het meerwaardepotentieel van ontwikkelingsactiviteiten waarin authenticiteit en duurzaamheid voorop staan. Nextensa beheert een hoogwaardig investeringsportfolio en focust op kantoren, retail en residentieel vastgoed. Daarnaast zet het bedrijf in op duurzame stadsontwikkeling, waarbij innovatieve en toekomstgerichte projecten worden gerealiseerd die bijdragen aan een aangename en gemengde leefomgeving. Eén van de meest prominente ontwikkelingen is de herbestemming van de iconische Tour & Taxis-site in Brussel, een ambitieus project dat wonen, werken en recreatie samenbrengt in een dynamische en groene stedelijke omgeving. De vennootschap staat genoteerd op Euronext Brussel en is actief in het Groothertogdom Luxemburg, België en Oostenrijk.
1.1. Nextensa in het kort
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
9
1.2. Kerncijfers
Financiële kerncijfers
De reële waarde van de vastgoedportefeuille
De reële waarde van de vastgoedportefeuille bedraagt € 1,22 miljard eind 2024 t.o.v. € 1,30 miljard eind 2023. Deze daling is te verklaren door de verkoop van enkele gebouwen gedurende 2024. Daardoor heeft de vennootschap eind 2024 39% kantoren in portefeuille, 42% retail en 19% andere (tegenover 38% kantoren, 44% retail en 18% andere eind 2023).
De geconsolideerde directe vastgoedportefeuille
De geconsolideerde directe vastgoed- portefeuille van Nextensa NV eind 2024 omvat 27 gebouwen (inclusief de herontwikkelingen van vastgoedbeleggingen) met een totale verhuurbare oppervlakte van 382.335 m². De vastgoedportefeuille is geografisch gespreid over het Groothertogdom Luxemburg (43%), België (42%) en Oostenrijk (15%).
Pipeline projectontwikkeling
De pipeline van de ontwikkelingen in België en Luxemburg ziet er als volgt uit:
| Retail | Kantoren | Overige | Residentieel | TOTAAL: | |
|---|---|---|---|---|---|
| België | 42% | 39% | 19% | ||
| Luxemburg | 42% | 43% | 15% | ||
| Oostenrijk | |||||
| In constructie | 36.520m² | 32.401m² | N/A | 5.500m² | 74.421m² |
| verkregen vergunning | 15.184m² | 93.000m² | 14.244m² | 37.500m² | 159.928m² |
| In studie | N/A | 12.000m² | N/A | 66.066m² | 78.066m² |
PROJECTONTWIKKELING
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
10
1 De vastgoedportefeuille omvat zowel de gebouwen in exploitatie, de herontwikkelingen van vastgoedbeleggingen, de gebouwen bestemd voor verkoop als de gebouwen onder financiële leasing onder IFRS.
2 Reële waarde (‘fair value’): de investeringswaarde zoals bepaald door een onafhankelijke vastgoeddeskundige en waarvan de mutatiekosten zijn afgetrokken. De reële waarde is de boekwaarde onder IFRS. De reële waarde van Retail Estates werd bepaald op basis van de beurskoers op 31/12/2024.
3 De investeringswaarde is de waarde zoals bepaald door een onafhankelijke vastgoeddeskundige en waarvan de mutatiekosten nog niet zijn afgetrokken.
4 Reële waarde en investeringswaarde geschat door de vastgoedexperten Cushman & Wakefield (BeLux) en Oerag (Oostenrijk).
5 Voor de berekening van het huurrendement komen enkel de gebouwen in exploitatie in aanmerking, exclusief de herontwikkelingen van vasgoedbeleggingen de activa bestemd voor verkoop.
Lake Side - België
Kerncijfers vastgoedportefeuille
Kerncijfers vastgoedportefeuille (1)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Reële waarde vastgoedportefeuille (€ 1.000) (2) | 1.215.075 | 1.298.074 |
| Reële waarde vastgoedbeleggingen inclusief participatie Retail Estates (€ 1.000) (2) | 1.295.208 | 1.385.369 |
| Investeringswaarde vastgoedbeleggingen (€ 1.000) (3) | 1.238.514 | 1.323.221 |
| Huurrendement obv reële waarde (4)(5) | 5,99% | 5,74% |
| Huurrendement obv investeringswaarde (4)(5) | 5,76% | 5,50% |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
11
DE GECONSOLIDEERDE DIRECTE EN INDIRECTE VASTGOEDPORTEFEUILLE
De geconsolideerde directe en indirecte vastgoedportefeuille (inclusief de participatie in GVV Retail Estates NV) bereikt per einde 2024 een reële waarde van € 1,30 miljard. Het huurrendement van het vastgoed- patrimonium in exploitatie o.b.v. de reële waarde bedraagt 5,99% (tegenover 5,74% eind 2023), en o.b.v. de investeringswaarde 5,76% (tegenover 5,50% eind vorig jaar).# KERNCIJFERS BALANS EN RESULTATENREKENING
Kerncijfers BALANS
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Reële waarde vastgoedportefeuille (€ 1.000) | 1.215.075 | 1.298.074 |
| Reële waarde vastgoedbeleggingen inclusief participatie Retail Estates (€ 1.000) | 1.295.208 | 1.385.369 |
| Investeringswaarde vastgoedbeleggingen (€ 1.000) | 1.238.514 | 1.323.221 |
| Netto actief aandeel groep (€ 1.000) | 812.487 | 834.048 |
| Netto actief aandeel groep per aandeel | 79,88 | 83,39 |
| Slotkoers op balansdatum | 42,85 | 48,85 |
| Financiële schuldgraad (financiële schulden/balanstotaal) | 45,39% | 44,80% |
| Netto financiële schuldpositie | 763.019 | 786.820 |
| Gemiddelde looptijd kredietlijnen (jaar) - investeringsportefeuille | 1,98 | 2,31 |
| Gemiddelde looptijd afdekkingen (jaar) | 2,68 | 2,95 |
| Hedge ratio (investeringsportefeuille) | 61% | 79% |
Kerncijfers Resultatenrekening
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Huurinkomsten (€ 1.000) | 72.179 | 70.522 |
| Resultaat uit ontwikkelingsprojecten (€ 1.000) | 14.669 | 18.136 |
| Gemiddelde financieringskost investeringsportefeuille | 2,86% | 2,67% |
| Netto resultaat aandeel groep (€ 1.000) | -10.827 | 24.492 |
| Netto resultaat aandeel groep per aandeel (aantal aandelen op afsluitdatum) | -1,06 | 2,45 |
Retail Kantoren Overige België Luxemburg Oostenrijk
5,52% 5,88% 8,75% 6,29% 7,00% 5,54%
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
12
Knauf Pommerloch - Luxemburg
Niet-financiële kerncijfers
* 60.000m² zonnepanelen (x2 t.o.v. 2021) = 12 voetbalvelden
* = 7.099 MWh aan zonne-energie
* = verbruik van 2.050 gezinnen
* = 3.266 ton CO2 uitgespaard
* Vervanging gasketels door warmtepompen in Koninklijk Pakhuis
* = jaarlijkse besparing van 200.000m³ gas
* = jaarlijkse besparing van 500 ton CO2
* = jaarlijkse opname CO2 van 20.000 bomen
* 31% van de omzet is gealigneerd met de EU Taxonomie.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
13
Laekenveldsquare heraangelegd met een directe toegang tot het Tour & Taxispark. Nieuwe fietsenstalling met ruimte voor meer dan 400 fietsen op Tour & Taxis om de zachte mobiliteit op de site te promoten.
| 2024 baseline 2021 | EvolutiE (baseline 2021) | Op weg om doel te bereiken | |
|---|---|---|---|
| Bruto scope 1 BKG-emissies (tCO2eq) | 113,67 | 117,86 | -4% |
| BKG-emissies uit gas- en brandstofverbruik kantoren tCO2e | 8,97 | 39,84 | -77% |
| BKG-emissies van bedrijfswagens, mobiele verbranding (*) tCO2e | 104,70 | 78,02 | +34% |
| Bruto scope 2 BKG-emissies (tCO2eq) | 8,68 | 16,00 | -46% |
| Elektriciteit kantoren tCO2e | 0,49 | 16 | -97% |
| Elektriciteit verbruikt door bedrijfswagens tCO2e | 8,19 | nieuw datapunt | |
| Elektriciteit verbruikt op werven tCO2e | 0,00 | nieuw datapunt | |
| Energie - Nextensa’s kantoren (tCO2eq) | 9,46 | 55,84 | -83% |
| Absolute Energieverbruik MWh | 141,61 | 520,00 | -73% |
| Gemiddeld Energie Intensiteit kWh/m² | 68,65 | 189,92 | -64% |
| Scope 3 BKG-emissies geleasede activa (tCO2eq) | 6.322 | 9.233 | -32% |
| Totale m² zonnepanelen m² | 59.516 | 32.983 | +80% |
| Totale capaciteit (kWp) zonnepanelen kWp | 11.796 | 6.032 | +96% |
| Aantal laadpalen # | 281 | 115 | +144% |
| Elektriciteitverbuik voor mobiliteit (laadpalen) MWh | 1.013 | nieuw datapunt | |
| (*) Gewijzigde berekeningsmethode, verbeterde nauwkeurigheid (niet vergelijkbaar met baseline). |
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
14
19 collega’s gingen vrijwillig een dag helpen in de nieuwe Koesterhuizen van het Berrefonds.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
15
januari
De retailactiviteiten in Gare Maritime (Tour & Taxis, Brussel) trekken nieuwe retailcontracten aan en bestaande huurders breiden uit.
februari
Voorlopige oplevering van herontwikkelingsproject Hôtel des Douanes (Tour & Taxis, Brussel).
maart
Het nieuwe kantoorgebouw ‘Emerald’ in Cloche d’Or Luxemburg is 100% verhuurd aan triple A huurders. Nextensa breidt het zonnepanelenpark uit met nieuwe installaties op Hangar 26-27 (Antwerpen).
april
Oplevering van het nieuwe kantoorgebouw ‘White House’ in Cloche d’Or Luxemburg.
mei
Realisatie van de verkoop van kantoorgebouw ‘Hygge” in Luxemburg-stad. Nextensa verkoopt retailpand gelegen aan de rue du Brill in Foetz, Luxemburg.
juni
Vergunning bekomen voor het nieuwe kantoorproject “The Rock” in Cloche d’Or, Luxemburg.
1.3. De mijlpalen van 2024
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
16
juli
De eventhal Sheds (Tour & Taxis, Brussel) krijgt een bijkomende permanente invulling met Bubble Planet (opening in juli).
augustus
Nextensa viert 25 jaar aanwezigheid op Euronext Brussel. De HVAC-installaties in de Sheds op Tour & Taxis, Brussel werden emissievrij gemaakt.
september
Afronding van het proefproject rond laadinfrastructuur in de Esplanade-parking (Tour & Taxis, Brussel) van het ICON onderzoeksproject HUME. De HVAC-installaties in het Koninklijk Pakhuis op Tour & Taxis, Brussel werden emissievrij gemaakt: de aardgasketels worden uitgefaseerd door warmtepompen.
oktober
Nextensa en Promobe tekenen overeenkomst tot verkoop bij oplevering met State Street voor het kantoorproject “Stairs” op Cloche d’Or, Luxemburg. Nextensa verkoopt gronden gelegen in het projectgebied ‘Groot Molenveld’ in Edegem, België. Nextensa verkoopt Brixton Retail Park gelegen in Zaventem, België. Nextensa vraagt vergunning aan voor Montree in Luxemburg.
november
De milieu-effectenstudie van het “Lake Side project” op Tour & Taxis, Brussel is afgerond. Reeds 86% van de appartementen van Park Lane II (Tour & Taxis, Brussel) werden gereserveerd.
december
Afronding renovatie Moonar-campus in Luxemburg met een bezettingsgraad van 80%. Oplevering van het eerste van de residentiële gebouwen van Park Lane fase II gelegen in Tour & Taxis, Brussel. Nextensa breidt het zonnepanelenpark uit met nieuwe installaties in Knauf Shopping Center Pommerloch en Schmiede, Luxemburg.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
17
1.4. Nextensa op de beurs
25 jaar aanwezig op Euronext Brussel
Kerncijfers en grafieken
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Aantal genoteerde aandelen (#) | 10.171.130 | 10.002.102 |
| Aantal uitgegeven aandelen (#) | 10.171.130 | 10.002.102 |
| Marktkapitalisatie obv slotkoers (€ miljoen) | 436 | 489 |
| Free float (%) | 18,43% | 19,55% |
| Slotkoers (€) | 42,85 | 48,85 |
| Hoogste koers (€) | 50,20 | 54,40 |
| Laagste koers (€) | 36,00 | 38,85 |
| Gemiddeld maandelijks volume (#) | 26.765 | 79.424 |
| Velociteit (%) | 3,16% | 9,53% |
| Free float velociteit (%) | 17,13% | 48,74% |
| Premie/discount op basis van slotkoers vs NAV (reële waarde) | -46% | -41% |
| Bruto dividend (€) | 0 | 1,50 |
| Netto dividend (€) | 0 | 1,05 |
| Bruto dividendrendement | 0 | 3,07% |
| Payout ratio - geconsolideerd | 0 | 60,90% |
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
18
1.4. Nextensa op de beurs
Het aandeel Nextensa sloot af met een slotkoers van € 42,85 (2023: € 48,85) op 31/12/2024, wat resulteerde in een discount van -46% t.o.v. de netto-actiefwaarde op basis van de reële waarde (2023: discount van -41%). Deze evolutie is toe te schrijven aan het algemene beurssentiment dat er heerste gedurende 2024. Het gemiddelde transactievolume per maand van het aandeel daalde afgelopen boekjaar tot 26.765 aandelen in vergelijking met 79.424 in 2023.
Agio/disagio koers Nextensa versus netto-actiefwaarde
| 2024 | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 | 2019 | 2018 | 2017 | 2016 | 2015 | 2014 | 2013 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aandelenprijs Nextensa | ||||||||||||
| NAV Nextensa (reële waarde) | ||||||||||||
| 0 | 20 | 60 | 40 | 80 | 100 | 120 | 140 |
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
19
Voor wat betreft de praktische formaliteiten om deel te nemen aan de algemene vergaderingen van aandeelhouders (jaarlijkse algemene vergaderingen en buitengewone algemene vergaderingen) wordt verwezen naar Hoofdstuk IV van de statuten van de vennootschap, naar de website www.nextensa.eu (Investeerders - Algemene vergadering) en naar de oproeping, die wordt gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en in een nationaal uitgegeven dagblad.
Analisten die het aandeel volgen
Lynn Hautekeete
KBC Securities
Havenlaan 2, BE-1080 Brussel
[email protected]
Vincent Koppmair
Degroof Petercam
Nijverheidsstraat 44, BE-1040 Brussel
[email protected]
Jon Pérez
Kepler Cheuvreux
Rogier Tower
Rogierplein 11, BE-1210 Brussel
[email protected]
Liquidity Provider
Bank Degroof Petercam heeft in het voorbije boekjaar diensten geleverd als liquidity provider van de vennootschap. Bank Degroof Petercam ontvangt een forfaitaire vergoeding van € 12.000 (exclusief BTW) op jaarbasis.
Financiële kalender
| Publicatie jaarverslag 2024 |
| Jaarvergadering aandeelhouders |
| Publicatie financiële resultaten Q1 2025 |
| Publicatie financiële resultaten Q2 2025 |
| Publicatie financiële resultaten Q3 2025 |
| 28/03/2025 |
| 13/08/2025 |
| 19/05/2025 |
| 13/11/2025 |
| 19/05/2025 |
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
20
Tour & Taxis - België
1.5. Missie, Visie en waarden
Missie
“Nextensa is een vastgoedontwikkelaar en verhuurder die zich richt op gemengde projecten in voornamelijk stedelijke omgevingen. We combineren duurzaamheid, innovatie en gastvrijheid om plekken te bouwen en te beheren waar het goed wonen is en waar je kunt werken, ontmoeten, winkelen en genieten.”
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
21
Cloche d’Or - Luxemburg
Visie
We streven ernaar om een toonaangevende, vooruitstrevende en verantwoordelijke vastgoedspeler te zijn die projecten realiseert met een maatschappelijke meerwaarde.# Profiel & Strategie
Onze ambitie is een betrouwbare en veerkrachtige vastgoedspeler te zijn die complexiteit beheerst met innovatieve, kwalitatieve en verrassende oplossingen die een positieve invloed hebben op onze lokale omgeving. Dat doen we op basis van een transparante ‘Environmental, Social and Governance’-visie. De kern van deze visie is het bijdragen aan de Sustainable Development Goals (SDG), met een specifiek focus op SDG 7, 11, 12 en 13 zonder andere doelstellingen negatief te beïnvloeden.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
22
We creëren gebaseerd op drie pijlers:
(Her)ontwikkeling van klimaatadaptieve gebouwen
Nextensa ontwikkelt projecten en investeert in gezonde en veerkrachtige gebouwen die er alles aan doen om hun energieverbruik tot een minimum te beperken. De energie die we gebruiken is maximaal hernieuwbaar. Fossiele brandstoffen zijn niet langer een optie. Wanneer we producten kopen of beslissen over materialen, gaan we altijd na hoe we onze koolstofvoetafdruk kunnen beperken. We implementeren een waterbesparend beheer door te focussen op reductie en hergebruik. Nextensa streeft ernaar om innovaties en nieuwe technologieën te integreren, zodat processen en projecten geoptimaliseerd en efficiënter worden.
1
Duurzame samenlevingen creëren
Nextensa creëert duurzame samenlevingen door levendige en gezonde wijken te ontwikkelen die een mix van functies bieden. In deze 15-minutenwijken vind je alles wat je nodig hebt op korte loopafstand. Autoverkeer is overbodig en zachte mobiliteit neemt de overhand. Dit betekent dat er meer ruimte is voor groenaanleg die bijdraagt aan het verbeteren van de biodiversiteit op de locatie. We maken ruimte voor integratie van cultuur en kunst. Voor al onze ontwikkelingsprojecten streven we naar de hoogst mogelijke duurzaamheidscertificering.
2
Investeren in menselijk kapitaal
Nextensa ontwikkelt en Nextensa benut kansen die alle interne en externe belanghebbenden doen groeien. Onze mensen zijn onze grootste assets. De mensen met wie we werken leveren onze grootste toegevoegde waarde. We streven sociale partnerschappen en duurzame initiatieven na die onze gemeenschappen van binnenuit versterken. Nextensa faciliteert uitwisselingen, synergieën en co-creatie door middel van partnerschappen in B2B- en B2C- omgevingen.
3
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
23
Nextensa’s mensen
Onze kernwaarden zijn:
Waarden
Onze Waarden bij Nextensa
Bij Nextensa vormen onze waarden de basis van alles wat we doen. Deze waarden bepalen de identiteit van Nextensa en stimuleren ons om de toekomst van vastgoed op een verantwoorde, duurzame en impactvolle manier vorm te geven.
Partnerschap
Wij geloven in de kracht van samenwerking en bouwen sterke, transparante relaties met stakeholders om duurzame en impactvolle projecten te realiseren.
Ondernemerschap
Wij denken vooruit, spelen in op kansen en nemen doordachte beslissingen om een toonaangevende vastgoedspeler te blijven in de evoluerende vastgoedsector.
Positief verrassen
Wij gaan verder dan verwachtingen en voegen unieke waarde toe aan onze projecten. We streven ernaar om op een positieve manier te verrassen en te inspireren.
Uitmuntendheid
Wij streven naar topkwaliteit, innovatief design en langdurige waarde in al onze projecten.
Betrouwbaarheid
Integriteit en transparantie staan centraal; we komen onze beloftes na en werken met consistentie en transparantie om blijvend vertrouwen op te bouwen bij onze partners en stakeholders.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
24
it’s about the next generation
1.6. Strategie
Nextensa is een toonaangevende Belgische vastgoedinvesteerder en -ontwikkelaar die kansen ontdekt en omzet in waardevolle groei voor alle belanghebbenden. We combineren recurrente huurinkomsten uit vastgoed- beleggingen met de meerwaarde van ontwikkelingsactiviteiten, waarbij authenticiteit en duurzaamheid de hoogste prioriteit hebben. Vanuit een vooruitstrevend oogpunt op duurzaamheid bouwen we aan een nieuw concept van wat een stad haar inwoners te bieden heeft. Ons multidisciplinaire team bestaat uit gepassioneerde vastgoedprofessionals met de interne expertise om de volledige cyclus van een vastgoedproject te beheersen, van aankoop tot vastgoedbeheer, terwijl we duurzame ontwikkelingen implementeren. Met deze cyclus in gedachten, richten we ons op de ontwikkeling van eigendommen die onze duurzame investeringsportefeuille optimaliseren. Tegelijkertijd helpt onze desinvesteringsstrategie om op regelmatige basis kapitaalwinsten binnen onze portefeuille te genereren. We zorgen voor een recurrente inkomstenstroom dankzij huurcontracten en woningverkopen, altijd gebaseerd op een doordachte ESG-strategie die we consequent toepassen in al onze kernactiviteiten. Die ESG-strategie is gebaseerd op de dubbele materialiteitsanalyse die Nextensa in 2023 heeft uitgevoerd. De dubbele materialiteitsbeoordeling is het proces voor het prioriteren van duurzaamheidsonderwerpen. Materiële onderwerpen zijn onderwerpen die een significante impact hebben op het bedrijf (financiële materialiteit) en/of waardoor het bedrijf een significante impact heeft op de maatschappij en/of het milieu (impactmaterialiteit). De materialiteitsbeoordeling van Nextensa in 2023 toont aan dat het enige materiële onderwerp voor het bedrijf ‘Energie- en Emissiemanagement’ is. Dit alles draagt bij aan de strategische doelstellingen van Nextensa om transparantie en duurzaamheid te bevorderen, wat essentieel is voor de langetermijnvisie en reputatie.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
25
Tour & Taxis - België
Om haar impact op de leefomgeving te beperken, streeft Nextensa naar een duurzame vastgoedportefeuille die in lijn ligt met de akkoorden van Parijs. Hiermee willen we bijdragen aan het beperken van de opwarming van de aarde tot 1,5°C boven pre-industriële niveaus en het bereiken van netto-nul emissies voor Scope 1 en 2 tegen 2030 en voor Scope 3 tegen 2050. Voor de investeringsportefeuille betekent dit de transitie naar assets die overeenkomen met de CRREM (Carbon Risk Real Estate Monitor) reductiepaden. Nieuwe ontwikkelingen en renovaties moeten sinds 2023 voldoen aan de technische criteria van de EU Taxonomy binnen het objectief mitigatie en is ook het gebruik van fossiele brandstoffen niet meer toegestaan. Daarnaast werd er ook een maximale koolstofvoetafdrukintensiteit vastgelegd voor de upfront embodied carbon.
Graph legend
| 9 | Nextensa’s people |
| 10 | Partnerships & Co-creation in the Value Chain |
| 11 | Exemplary Governance |
| 1 | Human Capital |
| 2 | Energy & Emission Management |
| 3 | Water Management |
| 4 | Circularity |
| 5 | Innovation & Technology |
| 6 | Healthy & Resilient Buildings |
| Climate-adaptive buildings | |
| 7 | Biodiversity |
| 8 | Lively Neighbourhoods |
| Waste Stream Management | |
| Sustainable Society |
Nextensa’s Double Materiality Matrix
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
26
Koninklijk Pakhuis - België
Strategische pijlers
Investeringen in Duurzaamheid: Toewijzen van kapitaal aan projecten die bijdragen aan de energietransitie en het verminderen van de koolstofvoetafdruk.
1
Desinvesteringsprogramma: Verkoop van niet-kernactiva om kapitaal vrij te maken voor strategische investeringen in duurzame projecten.
3
Kostenbeheersing: Optimaliseren van operationele efficiëntie en het verlagen van energiekosten door middel van energiebeheer en hernieuwbare energieoplossingen.
2
Financiële Gezondheid: Behouden van een gezonde balans en het verlagen van de financiële schuldgraad om toekomstige ontwikkelingsprojecten te ondersteunen.
4
Door deze strategie te implementeren, kan Nextensa een substantiële bijdrage leveren aan de klimaatdoelstellingen van Parijs en een leidende rol spelen in de transitie naar een duurzame vastgoedsector.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
27
1.7. Business Model
Nextensa’s businessmodel is opgebouwd rond twee kernactiviteiten: investeringsactiviteiten en ontwikkelingsprojecten .
Acquisitie
Deze fase richt zich op het identificeren en verwerven van eersteklas vastgoedkansen. Nextensa evalueert potentiële investeringen op basis van hun financiële haalbaarheid, strategische fit en duurzaamheid, om ervoor te zorgen dat ze aansluiten bij de langetermijndoelen. Nextensa richt zich op investeringen in stedelijke omgevingen. We kiezen voor een combinatie van duurzame projecten op toplocaties en grootschalige gemengde vastgoedmogelijkheden in het stadscentrum. Onze voorkeur gaat uit naar het renoveren van bestaande structuren om gemengde projecten te realiseren. We geven hierbij prioriteit aan zachte mobiliteit.
Asset- en vastgoedbeheer
Nextensa werkt samen met huurders en bewoners. We ondersteunen hen in hun ambities om een positieve impact te genereren. We bouwen duurzame gemeenschappen in en rond onze gebouwen. We richten Energy Communities op om de lokale uitwisseling van overtollige opgewekte zonne-energie te faciliteren. Bovendien cultiveren we partnerschappen met innovatieve bedrijven die zich richten op duurzame technologieën. Tot slot rusten we onze portefeuille uit met monitoringsystemen waarmee we het energie- en waterverbruik van onze gebouwen en locaties nauwlettend kunnen volgen en optimaliseren. Nextensa streeft ernaar om koolstofneutraal te worden gedurende de volledige levenscyclus van ontwikkelings- projecten. We richten ons op het efficiënt gebruik van bij voorkeur lokaal geproduceerde hernieuwbare energie. Daarnaast proberen we ons waterverbruik tot een minimum te beperken.# Jaarverslag
We maken gebruik van bestaande faciliteiten voor regenwateropvang en onderzoeken de mogelijkheden om afvalwater te filteren zodat we het kunnen hergebruiken. Onze keuzes met betrekking tot materialen en technologieën zijn innovatief en goed doordacht. We ontwikkelen gezonde gebouwen die bijdragen aan het welzijn van onze klanten. Waar mogelijk creëren we groene en diverse ruimtes die de levenskwaliteit en biodiversiteit van onze projecten ten goede komen. We richten ons ook op innovatie op zowel technologisch als procesmatig niveau.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 28
1.8. Nextensa’s waardeketen
Onze producten en diensten zijn in geen enkele markt verboden en we zijn niet betrokken bij industrieën zoals fossiele brandstoffen, chemische producten, controversiële wapens of tabaksteelt. Deze sectoren maken geen deel uit van onze activiteiten en we genereren geen directe inkomsten uit deze activiteiten.
Upstream Nextensa’s activiteiten investeringsactiviteiten ontwikkelingsactiviteiten
Downstream LAND GEBOUWEN KAPITAAL MATERIALEN KENNIS TALENTEN TECHNOLOGIE ENERGIE WETGEVING STAKEHOLDERS vastgoed- cyclus DUURZAME GEBOUWEN ARCHITECTUUR GROENE OMGEVINGEN HERNIEUWBARE ENERGIE LEVENDIGE GEMEENSCHAPPEN KLANTENTEVREDENHEID AANDEELHOUDERSDIVIDENDEN
Aquisitie project development property management afbraak / redevelopment asset management financiering project management constructie marketing
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 29
Jaarverslag
2.1. ACTIVITEITENVERSLAG
Gedurfde keuzes naar future-proof vastgoed
2024 is het jaar waarin de duurzame investeringsstrategie van Nextensa zich effectief begint te realiseren.
Proximus
Dit vertaalt zich in de keuze van Proximus om haar hoofdkwartier te vestigen op de Tour & Taxis-site (37.000 m²), waar de mix van functies en innovatieve bouwprojecten met kwalitatieve, hoogstaande architectuur voldoet aan de huidige duurzaamheidsvereisten van een modern bedrijf. De beslissing van Proximus om haar “Campus Brussel” te verhuizen naar Tour & Taxis kadert binnen de ‘request for proposal’ die eind zomer 2024 werd gelanceerd in haar zoektocht naar een nieuwe Brusselse hoofdzetel. De ondertekening wordt verwacht tegen het einde van het eerste kwartaal van 2025.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 31
Desinvesterings- programma
In de loop van 2024 werd er een winst gerealiseerd van € 3,5 M op de verkoop van het retail gebouw in Foetz (€ 9 M verkoopwaarde), kantoorgebouw Hygge (Luxemburg CBD) (€ 23 M verkoopwaarde) en het retailpark Brixton business park (Zaventem, België) (€ 43 M verkoopwaarde) dat werd verkocht aan 5 verschillende investeerders aan een rendement rond de 6,15%.
Financieel beheer
Door de verkoop van de Knauf Shoppingcenters zal de financiële schuldgraad onder de 40% zakken. Dit versterkt de balans van Nextensa om de toekomstige ontwikkelingsprojecten te dragen. Er wordt aan de algemene vergadering voorgesteld om over dit boekjaar geen dividend uit te keren.
Bel Towers
Nextensa zal eveneens zijn duurzaamheidstraject verder zetten door een toplocatie te verwerven naast het Brussel Noordstation. De transactie wordt verwacht gefinaliseerd te worden tegen het begin van het tweede kwartaal van 2025. De iconische Proximus- torens, die zullen worden omgedoopt tot de Bel Towers, krijgen een nieuwe, gemengde bestemming en zullen maximaal worden gerecycleerd tot een uitmuntend nieuw project dat mee de groei van Nextensa vormgeeft.
Verkoop van Knauf Shoppingcenters Luxemburg
Op 13 februari 2025 werden beide Knauf Shoppingcenters (Knauf Pommerloch & Knauf Schmiede) verkocht aan de groep Wereldhave voor een totaalbedrag van € 165,75 M. Doordat Nextensa zich steeds meer wenst te profileren als een gemengde ontwikkelaar/investeerder van binnenstedelijke, duurzame projecten, werden deze shoppingcentra steeds minder strategisch voor de groep. Bovendien wordt zo de netto schuldpositie van Nextensa stevig afgebouwd, zodat volop ingezet kan worden op nieuwe projecten. Een deel van de verkoopprijs werd betaald in aandelen van Wereldhave N.V., die doorgeplaatst werden bij derde investeerders. Nextensa heeft deze shoppingcenters verkocht aan een gemiddeld verkoopsyield van 7,60%, wat marktconform is maar wat een minwaarde ten opzichte van de reële waarde van € 29 M betekent en dus ook een rechtstreeks negatief effect heeft op het netto resultaat (vervat in de lijn “herwaardering van vastgoedbeleggingen”).
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 32
Tour & taxis: De groeiende dynamiek op Tour & Taxis zorgt in 2024 voor een verdere stijging van het aantal bezoekers.
Building the future and reshaping cities
Ook in 2024 was de Tour & Taxis site volop in beweging. De bezetting van de kantoor- en retailruimtes stijgt, doordat nieuwe concepten kunnen aangetrokken worden. Daarnaast zorgen de vele evenementen op de site, zowel in de Sheds als in Gare Maritime, en in het conferentiecentrum Maison de la Poste voor een stijging van de bezoekerscijfers.
Voor de retailruimtes in Gare Maritime werden in 2024 nieuwe huurcontracten of uitbreidingen ondertekend ten belope van 2.128 m². Het fitnesscentrum Fyzix en fietsenwinkel Meca Bike breidden uit en onder andere bloemenwinkel Monsieur Fleur en uitzendbureau SKWD werden verwelkomd in dit iconische rangeerstation. Vanaf April 2025 zal een Proxy Delhaize de deuren openen te midden van Gare Maritime wat gemak zal brengen voor zowel lokale bewoners, werknemers als bezoekers, die genieten van de nabijheid van een supermarkt met een breed scala aan producten. Dit brengt de bezettingsgraad van het retail gedeelte in Gare Maritime eind 2024 op 86%.
Er werden daarnaast nieuwe kantoorhuurcontracten ondertekend met het Instituut voor bestuurders, Guberna en Derwil Architecten. Dit brengt de bezettingsgraad van de kantoren op Tour & Taxis op 88%.
De hogere bezetting is niet enkel zichtbaar op het vlak van retail- en kantoorverhuur, maar ook op het vlak van evenementen op de site, zowel in de Sheds als in Gare Maritime, en in het conferentiecentrum, Maison de la Poste. Een gedeelte van de Sheds, de eventhal van de site van in totaal 28.000 m², kreeg in de zomer van 2024 een bijkomende permanente invulling door de ondertekening van een 9-jarige huurovereenkomst met Bubble Planet (1.650 m²). Bubble Planet biedt een immersieve ervaring in een wereld vol bubbels voor jong en oud. De combinatie van permanente en tijdelijke invullingen zorgt voor een zeer positief resultaat voor de Sheds in zijn totaliteit (+39% vs 23).
Hôtel des Douanes zal in de loop van Q1 2025 definitief opgeleverd worden en zal in afwachting van een permanente bezetting ingevuld worden als prestigieuze en exclusieve eventlocatie.
Eind september 2024 werd het volledigheidsattest bekomen voor de vergunningsaanvraag van Lake Side. De milieu-effectenstudie werd in 2024 ondertussen afgerond. Als alles volgens plan verloopt, wordt het einde van het vergunningsproces verwacht in Q3 2025. Concreet gaat het om de ontwikkeling van zo’n 140.000 m², met een grotendeels residentieel programma, goed voor 737 appartementen, 100 co-living units en daarnaast 38.312 m² kantoren. Er komen ook winkels, publieke voorzieningen, meer dan 1.800 fietsenstallingen en een ondergrondse parking met 590 plaatsen. De nieuwe wijk wordt volledig vrij van fossiele brandstoffen waarbij bovendien wordt gestreefd naar een lagere ecologische voetafdruk door een gefundeerde keuze van de bouwmaterialen. Lake Side wordt zo één van de meest duurzame wijken van Brussel. Zo mikken de kantoorgebouwen op een BREEAM Outstanding certificaat, de hoogste graad van een internationaal erkend kwaliteitslabel dat duurzaam bouwen promoot.
Tegen Q3 2025 zal de residentiële wijk Park Lane voltooid zijn. De tweede fase van 346 appartementen is ondertussen bijna uitverkocht met 86% in reservering op 31 december 2024 en het eerste van de 11 residentiële gebouwen van deze fase opgeleverd. Naast residentiële bewoners breidt ook het service aanbod uit met de ondertekening van een huurovereenkomst met Babilou voor de uitbating van 2 gesubsidieerde crèches in het gebouw Dayton van fase I. Ook een tandarts opent zijn praktijk in het gebouw Franklin van fase I.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 33
The Stairs - Luxemburg
De verdere ontwikkeling van een stadswijk in Luxemburg-stad in joint venture met de Luxemburgse ontwikkelaar Promobe.
Kantoorgebouwen
Residentiële ontwikkelingen
De ontwikkelingen op Cloche d’Or van zowel kantoor- als residentiële projecten leveren een positieve bijdrage van € 6,2 M aan de resultaten van 2024.
| Project Status Details | Verhuring |
|---|---|
| Kantoorgebouw Emerald | Opgeleverd Q4 2023 Ca. 7.000 m²: 6 bovengrondse en 1 ondergrondse verdieping 100% verhuurd: Intertrust, PWC en Stibbe |
| Kantoorgebouw White House | Opgeleverd Q1 2024 Ca. 7.000 m²: 6 bovengrondse en 1 ondergrondse verdieping 100% verhuurd: Intertrust |
| Kantoorgebouw Lofthouse | In planningsfase Ca. 5.000 m²: 5 bovengrondse en 1 ondergrondse verdieping Verregaande gesprekken lopende met potentiële huurders |
| Kantoorgebouw Stairs | In constructie, oplevering voorzien in maart 2026 Ca. |
Projecten in Ontwikkeling
D-Nord
Opgeleverd in Q1 2023, 194 appartementen. 188/194 appartementen gereserveerd/verkocht.
D5-D10
In aanbouw, eerste delen in oplevering. 185 appartementen (136 appartementen in aanbouw). 116/136 appartementen gereserveerd/verkocht.
B&B HOTELS
In aanbouw, oplevering verwacht in Q2 2025. Hotel van ca. 4.500 m² met 150 kamers, 100% verhuurd aan B&B Hotels voor 20 jaar vast.
D-Tours
In planningsfase. Ca. 374 appartementen.
Verkoopprojecten
Begin februari 2024 heeft Nextensa het retailpand van ca. 4.200 m² aan de rue du Brill in Foetz, Luxemburg verkocht aan een lokale investeerder voor een prijs van € 9,23 M. Het pand wordt tot februari 2032 verhuurd aan de kledingwinkel Adler. De koper is eveneens eigenaar van de naastgelegen Cora hypermarkt, dat zich op dezelfde retailsite bevindt. De verkoopprijs ligt in lijn met de waardering, zoals vastgelegd op 31/12/2023.
Midden mei 2024 heeft Nextensa de aandelen in de vennootschap die eigenaar is van het kantoorgebouw ‘ Hygge ’ verkocht aan een Luxemburgse investeerder. Hierop werd een winst van € 1,6 M gerealiseerd bovenop de reële waarde in de boeken van 31 december 2023. Het kantoorgebouw gelegen in het Central Business District van Luxemburg, aan de Avenue Monterey 35, werd gebouwd in 2009 en was in 2023 teruggekeerd op de markt met een nieuwe identiteit na een korte periode van renovatie. Het gebouw telt een totale oppervlakte van 1.600 m² verdeeld over 7 verdiepingen. Het gebouw beschikt daarnaast over een tuin, een terras op de vierde verdieping en twee terrassen op de bovenste verdieping en parkeerplaatsen op 2 ondergrondse verdiepingen. Het volledige gebouw werd in het afgelopen jaar opnieuw verhuurd. Met deze verkoop illustreert Nextensa haar capaciteit om via herontwikkelingen en een actief asset management meerwaarde te creëren en zo ruimte te maken voor nieuwe opportuniteiten.
Nextensa heeft eind augustus haar gronden (1,76 ha) gelegen in het projectgebied ‘Groot Molenveld’ in Edegem, België verkocht aan een ontwikkelaar die hierop een nieuw woonproject zal ontwikkelen. Het gaat hier over historische projectgronden die gedurende lange tijd in portefeuille van (N)Extensa zaten. Er werd een meerwaarde van € 2,7 M gerealiseerd op deze verkoop.
In december 2024 heeft Nextensa haar Brixton Retail Park in Zaventem, België succesvol verkocht aan een groep privébeleggers voor een netto prijs van ca. 43 miljoen euro. Het Brixton Retail Park, met een totale oppervlakte van 15.072 m², maakte sinds de beursgang van Nextensa in 1999 deel uit van de vastgoedportefeuille van de onderneming en heeft zich gedurende die periode bewezen als een uiterst succesvolle investering. De huurprijzen behoren tot de hoogste in de commerciële verhuursector, en het park heeft gedurende de afgelopen 25 jaar steeds een volledige bezetting gekend met kwalitatieve huurders.
“De verkoop van Brixton Retail Park is een historisch moment voor Nextensa. Met deze transactie nemen we afscheid van ons laatste retailpand in België. Dit stelt ons in staat om onze focus verder te verscherpen op groeisegmenten zoals gemengde stedelijke kantoorontwikkelingen en residentiële projecten met de focus op doorgedreven duurzaamheid”, Michel Van Geyte, CEO van Nextensa.
Projecten in Herontwikkeling
Moonar-campus - Luxemburg
De Moonar-campus, gelegen nabij de luchthaven van Luxemburg en bestaande uit 5 gebouwen (ca. 21.500 m² in totaal), werd grondig gerenoveerd om deze gebouwen modern en toekomstbestendig te maken. Door het voorzien van allerlei faciliteiten, zoals een bibliotheek, een fitness, een koffiehoek en diverse vergaderzalen, en door de aanstelling van een community manager maakt Nextensa van deze site een attractieve en levendige campus. De volledige herontwikkeling werd eind 2024 afgerond. Al bijna 80% van de beschikbare oppervlakte is ondertussen verhuurd aan een voor het Luxemburgse Airport District nieuwe prime rent van 32 EUR/ maand/m², wat een aanzienlijke verhoging betekent ten opzichte van de vorige huurprijs van 24 EUR/maand/m².
In 2024 kon de Moonar campus werkplekuitbater IWG verwelkomen voor zo’n 1.500 m². IWG opent een nieuwe vestiging van Regus in het Moonar-park als antwoord op de stijgende vraag naar flexibele kantoren van topkwaliteit. De ruimten zijn eind 2024 geopend en bieden een gevarieerd aanbod van diensten, van privékantoren en vergaderruimten tot innovatieve co-workingruimten.
Montoyerstraat 24, Brussel - België
Nextensa heeft in 2023 erfpachtrechten verworven van het kantoorgebouw gelegen te Montoyerstraat 24 in Brussel van Fedustria, de beroepsorganisatie van de Belgische textiel-, hout- en meubelindustrie. Het kantoorgebouw is gelegen in de Leopoldwijk, één van de meest gewilde kantoorlocaties van Brussel, op slechts enkele meters van het Monteco-gebouw en is momenteel verhuurd aan enkele Europese verenigingen. Nextensa plant op deze locatie een emissievrij kantoorgebouw met houtconstructie van zo’n 2.800 m², genaamd ‘ Treemont ’, te ontwikkelen. Door het gebruik van energie-efficiënte systemen, behoud en hergebruik van een deel van de bestaande constructie en een nieuwe constructie in hout, beoogt het gebouw na de voltooiing van de werken een ‘BREEAM excellent’-certificering te behalen en gealigneerd te zijn met de criteria van de EU-taxonomie. Het vergunningsaanvraagproces is lopende.
20 & 18 Avenue Monterey, Luxemburg
Het kantoorgebouw gelegen te 20 Avenue Monterey en het in 2023 aangekochte gebouw gelegen te 18 Avenue Monterey in Luxemburg zullen worden herontwikkeld tot één nieuw CO2-neutraal kantoorgebouw in hout naar het voorbeeld van Monteco en Treemont in Brussel. Het gebouw wordt zowel een ecologisch manifest als een nieuw model voor verantwoord chic. Indien alles verloopt volgens plan wordt de oplevering verwacht in Q4 2026.
Duurzaamheid
Duurzame Energie
In 2024 werden 4.053 zonnepanelen, goed voor een vermogen van 1.652 kWp, bijkomend geïnstalleerd op volgende gebouwen:
- Hangar 26-27, Antwerpen, België: 1.112 panelen (417 kWp)
- Knauf Shopping Schmiede, Luxemburg: 2.109 panelen (885 kWp)
- Knauf Shopping Pommerloch, Luxemburg: 832 panelen (350 kWp)
In 2024 werd zo het totaal aantal zonnepanelen op de daken uitgebreid tot 31.607, goed voor 11.814 kWp geïnstalleerd vermogen op de daken van de volledige investeringsportefeuille. In 2024 werd er 7.192 MWh groene stroom opgewekt, het equivalent van het verbruik van bijna 2050 gezinnen.
Op Tour & Taxis werden de HVAC-installaties in het Koninklijk Pakhuis en de Sheds vervangen. De aardgasketels van het Koninklijk Pakhuis werden uitgefaseerd door warmtepompen en de gasgestookte luchtgroepen in de Sheds werden vervangen door nieuwe luchtgroepen met warmterecuperatie en een geïntegreerde warmtepomp. Hierdoor zullen we jaarlijks zo’n 200.000 m³ aan aardgas besparen, hetgeen goed is voor een CO2 reductie van zo’n 500 ton CO2: het equivalent van de jaarlijkse opname aan CO2 van 20.000 bomen.
Laadinfrastructuur
Nextensa participeert sinds 2022 in het ICON onderzoeks-project HUME (‘Hub for Urban Mobility and Energy’) in samenwerking met EnergyVille over slimme laadstrategieën. EnergyVille is een samenwerking tussen de Belgische onderzoekspartners KU Leuven, VITO, imec en UHasselt voor onderzoek naar duurzame energie en intelligente energiesystemen. Dit onderzoeksproject werd afgerond in Q4 2024 na het proefproject in de Esplanade parking op Tour & Taxis. Hierbij werd het laadproces aangepast via zelf ontwikkelde algoritmes in functie van load balancing, PV-productie en e-Spot energieprijzen. Het resultaat is positief en zal toegepast worden op de eigen laadpalen.
Sociaal Project
In Hasselt opende het Berrefonds haar derde koesterhuis, na de opening in oktober van het Koesterhuis in Kortrijk. In 2024 kregen alle werknemers van Nextensa de mogelijkheid om een werkdag hun talenten in te zetten voor deze warme organisatie.
Oostenrijk
Het Oostenrijkse investeringsportfolio bestaat uit vijf retailparken, waarvan de bezettingsgraad constant op 100% blijft dankzij diverse verlengingen van huurovereenkomsten en nieuwe verhuurcontracten.
- In maart 2024 opende een nieuwe vestiging van Smyths Toys in het retailpark in Vösendorf.
- Na het vertrek van de discountketen Pepco uit Oostenrijk werd hun winkel in Stadlau gesloten, maar de ruimte werd onmiddellijk onderverhuurd aan de mode- en interieurketen KIK.
- Met de supermarktketen Lidl is een verlenging van het huurcontract voor vijf jaar overeengekomen voor de locatie in het bedrijvenpark Stadlau.
- In het Frunpark Asten werd de ruimte die beschikbaar kwam na het faillissement van DEPOT verhuurd aan New Yorker, die de bestaande winkel heeft uitgebreid.
- Ook werd een verlenging van het huurcontract voor vijf jaar overeengekomen met de apotheek in het Frunpark.# Brixton - België
Door de gerealiseerde verkopen van Hygge en Brixton retail park is de netto financiële schuldpositie gedaald tot € 763 M. De beschikbare headroom bedroeg nog € 50 M, maar deze zal gevoelig groter worden door de verkoop van de Knauf shoppingcentra. De gemiddelde financieringskost steeg van 2,67% eind 2023 naar 2,86% per eind 2024. De evolutie van de rente heeft, door de indekking met derivaten, steeds een beperkte impact op de gemiddelde financieringskost. Door het actieve beheer van de derivatenportefeuille, is de indekkingsratio geëvolueerd naar 61% op 31 december 2024 met een gemiddelde resterende looptijd van 2,68 jaar. Door het noemereffect zal de hedge ratio gevoelig stijgen door de schuldafbouw naar aanleiding van de verkoop van de Knauf shoppingcentra.
Het eigen vermogen (deel van de groep) bedraagt € 812 M, of € 79,88/aandeel. De slotkoers van € 42,85 op 31 december 2024 impliceert aldus een korting van 46%. De reële waarde van de vastgoedbeleggingen daalde ten opzichte van vorig jaar, voornamelijk door de verkopen van het kantoorgebouw Hygge en retailpark Brixton doorheen 2024, maar eveneens door de overboeking van beide Knauf shoppingcentra naar de activa bestemd voor verkoop alsook de negatieve herwaardering van de portefeuille.
2.2. TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING EN BALANS
Kerncijfers
Geconsolideerde financiële overzichten
De netto huuropbrengsten van de vastgoedbeleggingen liggen € 1,7 M hoger in vergelijking met vorig jaar, ondanks de verkoop van verscheidene gebouwen. De indexatie en gestegen bezettingsgraad zorgde voor een like- for-like huurgroei van 4,7% ten opzichte van 2023. Daarnaast zorgt het gestegen aantal evenementen op de Tour & Taxis-site voor positieve neveneffecten zoals hogere parkinginkomsten en hogere omzetten voor de Food Market in Gare Maritime.
Daarnaast daalden de vastgoedkosten wegens de gestegen bezettingsgraad van de panden en een betere kosten-beheersing. De verkopen van de panden Hygge en Brixton retail park leverden een winst van € 3,5 M. Daarnaast werd een minwaarde van € 50,8 M op de bestaande vastgoedportefeuille geboekt, waarvan 28,5 M op de Knaufs die als activa bestemd voor verkoop gepresenteerd worden aangezien deze op 13 februari 2025 verkocht werden. Het overige gedeelte van de afwaardering is voornamelijk te wijten aan niet gevaloriseerde capex.
Overige kosten en opbrengsten van de vastgoedportefeuille omvatten vooral de netto-inkomsten van de zonnepanelen. Deze vielen lager uit dan in 2023 omdat de elektriciteitsprijzen verder gedaald zijn en er ook minder zonneschijn is geweest in 2024 ten opzichte van 2023. Het operationeel resultaat van de vastgoedbeleggingen komt zodoende uit op € 13,5 M.
De som van de lijnen “Omzet ontwikkelingsprojecten” en “Kosten ontwikkelingsprojecten” geven de contributie (€ 5,1 M) weer van de Belgische ontwikkelingsprojecten, die in 2024 vooral bestonden uit fase II van het project Park Lane op Tour & Taxis. Daarenboven werden ook nog enkele units uit fase I verkocht. De lijnen ‘Andere resultaten ontwikkelingsprojecten’ en ‘Winst (verlies) uit beleggingen vermogensmutatie’ omvatten grotendeels de contributie van Cloche d’Or (€ 6,2 M).
De bouwwerken aan het project “B&B HOTELS” zullen afgerond zijn tegen mid 2025. De constructie van het residentiële project D5- D10 zit op schema en is reeds voor meer dan de 85% verkocht of gereserveerd. Daarnaast zijn ook de bouwwerken aan het project ‘Stairs’ gestart en de voorziene oplevering is maart 2026. Het gebouw is reeds volledig verhuurd en verkocht aan State Street Luxembourg.
De algemene kosten van de vennootschap liggen in lijn met vorig jaar. De financiële inkomsten liggen € 2,9 M hoger in vergelijking met vorig jaar dit voornamelijk door een hoger benodigd werkkapitaal verstrekt aan de joint venture op Cloche d’Or te Luxemburg. Verder wordt het ontvangen dividend van Retail Estates hier ook opgenomen.
De financiële kosten liggen € 3,3 M hoger dan vorig jaar omwille van het algemeen stijgende renteklimaat. Deze stijging werd echter ingeperkt door de derivatenportefeuille, die ervoor zorgt dat de gemiddelde financieringskost verbonden aan de vastgoedbeleggingen slechts beperkt stijgt van 2,67% vorig jaar naar 2,86% over 2024.
De variaties in reële waarde van financiële activa en passiva zijn negatief ten belope van € -12,5 M. Enerzijds werd de derivatenportefeuille afgewaardeerd voor € 5,0 M, anderzijds was er ook een negatieve herwaardering op de participatie in Retail Estates ten belope van € -7,2 M. Deze participatie dient immers elke balansdatum gewaardeerd te worden aan de beurskoers van Retail Estates op die datum.
Het resultaat voor belastingen bedraagt zodoende € -11,5 M. Na aftrek van belastingen van € 0,4 M resulteert dit in een netto resultaat van € -11,1 M, of € -10,8 M netto resultaat deel van de groep. In termen van resultaat per aandeel komt dit overeen met € -1,06 op het totaal aantal aandelen en met € -1,07 per dividendgerechtigd aandeel rekening houdend met de 65.000 eigen aandelen die aangehouden worden door Nextensa.
Looking back while looking forward to what comes next
2024 was voor Nextensa vooral een overgangsjaar. Er werd nagedacht over de balancering van het hybride model van vastgoedinvesteerder-ontwikkelaar, waarbij gekozen werd om het relatieve gewicht van de ontwikkelingen zwaarder te laten doorwegen, zonder echter de strategische vastgoedbeleggingen uit het oog verliezen. De keuze om het nieuwe hoofdkwartier van Proximus te ontwikkelen op de site van Tour & Taxis is daar een toepassing van, evenals de aankoop van de oude Proximus-gebouwen aan het Noordstation te Brussel. Niet veel later werden de Knauf shoppingcenters verkocht, wat evenzeer in deze strategische herbalancering past. Deze verkoop zorgt ook voor duidelijkheid voor wat betreft de netto schuldpositie van Nextensa. Er is immers een belangrijk bedrag aan schulden dat binnen het jaar vervalt, die ofwel afgelost zullen worden met de ontvangen cash uit deze verkoop, ofwel verlengd.
2025 is ook een belangrijk jaar voor de Tour & Taxis site. In de tweede helft van dit jaar wordt immers de vergunning verwacht voor het Lake Side project. Het kantoorgedeelte van dit project is reeds volledig voorverhuurd aan Proximus (onder voorbehoud van finale ondertekening verwacht tegen het einde van het eerste kwartaal van 2025). De komst van enkele duizenden Proximus medewerkers zal op die manier ook weer voor een boost zorgen van de activiteiten op de site. Nog op Tour & Taxis wordt dit jaar het project Park Lane fase II volledig opgeleverd. Aan het huidige verkoopritme verwachten we deze fase dit jaar ook volledig uit te verkopen.
In Luxemburg verwachten we de vergunning voor het project Montree in het CBD in de loop van 2025. Op de site van Cloche d’Or is er in 2025 de oplevering van het B&B hotel. De constructie van het gebouw Stairs zal flink opgeschoten zijn in 2025 want oplevering is verwacht in 2026. Op residentieel vlak zien we echter nog steeds een trage markt. Nieuwe projecten zullen slechts gelanceerd worden bij een aanvaardbaar niveau van voorverkopen. Dit heeft er mede toe geleid dat er momenteel nog slechts een 25-tal appartementen (in aanbouw) te koop zijn op de Cloche d’Or site, wat een zeer kleine exposure is.
2.3. VOORUITZICHTEN VOOR HET BOEKJAAR 2025
Nextensa past de Belgische Corporate Governance Code 2020 (de “Code 2020”) toe als referentiecode. Deze Code is beschikbaar op de website www.corporategovernancecommittee.be. De Code 2020 gaat uit van het principe comply or explain (pas toe of leg uit): Belgische genoteerde vennootschappen kunnen van de bepalingen die aanbevelingen vormen afwijken op voorwaarde dat zij hiertoe een onderbouwde toelichting opgeven. De vennootschap heeft tijdens het afgelopen boekjaar de bepalingen van de Code 2020 nageleefd, met uitzondering van de hierna volgende bepalingen:
Bepaling 7.6 van de Code 2020 stelt dat de niet-uitvoerende bestuurders een deel van hun vergoeding in de vorm van aandelen van de vennootschap dienen te ontvangen. De niet-uitvoerende bestuurders van Nextensa ontvangen echter enkel een vergoeding in geld. In de huidige versie van het remuneratiebeleid, zoals goedgekeurd door de gewone algemene vergadering van de vennootschap van 16 mei 2022, dat van toepassing is vanaf 1 januari 2022 wordt hieromtrent het volgende voorzien: “Bestuurders worden uitgenodigd, maar zijn niet verplicht om aandelen in de Vennootschap aan te houden. Deze afwijking van principe 7.6 van de CGC 2020 wordt gerechtvaardigd door het feit dat het beleid van de Vennootschap op toereikende wijze een perspectief op lange termijn bevordert.” Daarnaast worden verscheidene bestuurders in het kader van de functies die zij in Ackermans & van Haaren uitoefenen reeds blootgesteld aan de evolutie van de waarde van de vennootschap, gelet op de aandelen(opties) in Ackermans & van Haaren die zij aanhouden en waarvan de waarde gedeeltelijk afhangt van die van de vennootschap.
Bepaling 4.14 van de Code 2020 stelt dat er een onafhankelijk auditfunctie dient te worden opgericht.De Code bepaalt echter eveneens dat, indien deze onafhankelijke auditfunctie niet wordt opgericht, minstens jaarlijks moet worden beoordeeld of daar een noodzaak toe bestaat. Het gebrek aan een onafhankelijke auditfunctie binnen de Nextensa groep wordt inderdaad jaarlijks voorgelegd aan de evaluatie van het auditcomité. Een onafhankelijke auditor wordt momenteel niet noodzakelijk geacht gezien de beperkte grootte van de groep en de andere controlesystemen die bestaan, waaronder de externe audit en de interne controle-, compliance- en risicobeheersystemen.
Het Corporate Governance Charter, zoals laatst gewijzigd op 13 november 2024, strekt ertoe de voornaamste aspecten van het governance beleid van de vennootschap toe te lichten, zoals haar governance structuur en het intern reglement van de raad, zijn comités en het executief comité. Daarnaast geeft het een beschrijving van de verschillende preventieve beleidslijnen die de vennootschap toepast inzake marktmisbruik, belangenconflicten en goed gedrag. Dit Charter is gebaseerd op de statuten van de vennootschap, op de Code 2020 en op de vennootschap toepasselijke reglementering, waaronder het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (het “WVV”). Het Corporate Governance Charter is beschikbaar op www.nextensa.eu (Over Nextensa - Corporate Governance).
De statuten van Nextensa NV werden verschillende keren gewijzigd en voor het laatst op 12 juni 2024. Deze laatst gecoördineerde statuten zijn beschikbaar op de website www.nextensa.eu (Investeerders - Statuten).
2.4. CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING
Principes
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
42
Onderstaande tabel geeft de aandeelhouders van Nextensa aan die eind 2024 meer dan 3% van de totaal aantal bestaande stemrechten bezaten. De kennisgevingen in het kader van de transparantiewetgeving en de controleketens zijn beschikbaar op de website. Naast de wettelijke drempels (i.e. 5% en veelvouden van 5% van het totaal aantal bestaande stemrechten) voorziet artikel 12.2 van de statuten, overeenkomstig artikel 18, §1 van de zgn. transparantiewet (wet van 2 mei 2007), immers in een bijkomende kennisgevingsdrempel van 3%. Voor meer informatie hierover verwijzen wij naar www.nextensa.eu (Investeerders - Aandeelhouders & transparantie).
Aangezien de volgestorte aandelen die ten minste twee jaar ononderbroken op naam van dezelfde aandeelhouder in het register van de aandelen op naam zijn ingeschreven een dubbel stemrecht verlenen, is het bovenstaande percentage van het stemrecht van bepaalde aandeelhouders verschillend van het percentage van aandelen in Nextensa dat zij bezitten.
De controle over de vennootschap wordt uitgeoefend door Ackermans & van Haaren NV, met zetel te Begijnenvest 113, 2000 Antwerpen (meer informatie: www.avh.be). Ackermans & van Haaren NV heeft bij toepassing van artikel 74 §7 van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen meegedeeld meer dan 30% van de effecten met stemrecht aan te houden van de vennootschap.
| Aandeelhouders | Datum van kennisgeving | Naam van de aandeelhouder | NOEMER | % van de stemrechten | % van de aandelen* |
|---|---|---|---|---|---|
| 20 juli 2023 | Ackermans & van Haaren | 15.875.379 | 75,55% | 63,39% | |
| 24 juli 2023 | AXA | 11.875.379 | 9,99% | 15,59% | |
| 26 juli 2021 | AG Insurance | 11.804.919 | 2,58% | 2,99% |
*Bepaald op basis van ontvangen transparantiekennisgevingen en de beschikbare informatie over de aangehouden aandelen op naam.
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
43
Hôtel des Douanes - België
Raad van bestuur
De vennootschap is sinds 19 juli 2021 een naamloze vennootschap met (collegiale) raad van bestuur onder het WVV.
Duur mandaat
De bestuurders worden benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders voor een termijn van maximum vier jaar en zijn herbenoembaar. Ze kunnen te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen.
Bevoegdheden
De raad van bestuur bezit de meest uitgebreide bevoegdheden om alle handelingen te verrichten die nodig of dienstig zijn tot verwezenlijking van het voorwerp van de vennootschap, met uitzondering van die handelingen waarvoor krachtens de wet of de statuten alleen de algemene vergadering van aandeelhouders bevoegd is. De CEO, Michel Van Geyte (via Midhan BV), is belast met het dagelijks bestuur van de vennootschap, onder de verantwoordelijkheid en het toezicht van de raad van bestuur.
Samenstelling
De samenstelling van de raad van bestuur van Nextensa NV waarborgt dat er in het belang van de vennootschap bestuurd wordt. De raad van bestuur, samengesteld uit getalenteerde individuen met expertise in beursgenoteerde bedrijven, vastgoed, recht, economie en engineering in België, Luxemburg en Oostenrijk, brengt een divers en veelzijdig perspectief op de activiteiten van de groep.
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
44
De raad van bestuur telt minstens drie onafhankelijke bestuurders, die voldoen aan de criteria zoals voorzien in artikel 7:87 van het WVV en in bepaling 3.5 van de Code 2020. Overeenkomstig bepaling 5.5 van de Code 2020 bekleden de niet-uitvoerende bestuurders niet meer dan vijf bestuurdersmandaten in beursgenoteerde vennootschappen.
De raad van bestuur benoemt in zijn midden een voorzitter erkend omwille van zijn of haar professionalisme, onafhankelijkheid van geest, coachende capaciteiten, het vermogen om consensus te bouwen en communicatieve en vergadervaardigheden. De voorzitter is verantwoordelijk voor de leiding van de vergaderingen van de raad van bestuur en voor de doeltreffendheid van de raad van bestuur in al zijn aspecten. In het bijzonder neemt hij de nodige maatregelen met het oog op de totstandkoming van een klimaat van vertrouwen binnen de raad van bestuur, waarin ruimte is voor open discussies en opbouwende kritiek. De rol van de voorzitter is nader omschreven in het Corporate Governance Charter (artikel 2.6).
De raad van bestuur van Nextensa is momenteel als volgt samengesteld:
| datum einde mandaat | |
|---|---|
| Piet Dejonghe | 18/05/2026 |
| Midhan BV, vast vertegenwoordigd door Michel Van Geyte | 18/05/2026 |
| Dirk Adriaenssen | 18/05/2026 |
| Lupus AM BV, vast vertegenwoordigd door Jo De Wolf | 17/05/2027 |
| Stellar BV, vast vertegenwoordigd door Arne Hermans | 17/05/2027 |
| SoHo BV, vast vertegenwoordigd door Sigrid Hermans | 17/05/2027 |
| An Herremans | 18/05/2026 |
| Hilde Delabie | 18/05/2026 |
| Voorzitter, niet-uitvoerend bestuurder Vertegenwoordiger van Ackermans & van Haaren | Gedelegeerd bestuurder CEO Nextensa | Niet-uitvoerend bestuurder Onafhankelijk bestuurder | Niet-uitvoerend bestuurder Onafhankelijk bestuurder | Niet-uitvoerend bestuurder Onafhankelijk bestuurder | Niet-uitvoerend bestuurder Onafhankelijk bestuurder | Niet-uitvoerend bestuurder Vertegenwoordiger van Ackermans & van Haaren | Niet-uitvoerend bestuurder Vertegenwoordiger van Ackermans & van Haaren | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
45
Huidige samenstelling raad van bestuur:
MICHEL VAN GEYTE (° 1966)
Gedelegeerd bestuurder via Midhan BV
Michel Van Geyte is master in de toegepaste economische wetenschappen en postgraduaat in de vastgoedkunde aan de Katholieke Universiteit van Leuven en master in corporate finance aan de Vlerick Business School. Michel Van Geyte werkt sinds augustus 2004 voor de groep. Eerst als commercial manager (COO) en sinds 2018 als CEO, na het pensioen van de voormalige CEO. Hij heeft meer dan 20 jaar ervaring in vastgoed. Sinds 2009 doceert M. Van Geyte ook verschillende cursussen gerelateerd aan vastgoed, aan de Katholieke Universiteit van Leuven. Hij is sinds 1 juli 2023 voorzitter van de ULI Belgium & Luxembourg National Council.
- Begin mandaat LREM: 19 maart 2013
- Begin mandaat Nextensa: 19 juli 2021
- Einde mandaat Nextensa: 18 mei 2026
- Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 685
PIET DEJONGHE (° 1966)
Niet-uitvoerend bestuurder
Voorzitter van de raad van bestuur
Voorzitter van het benoemings- & remuneratiecomité
De heer Dejonghe is master in de rechten (KU Leuven), beschikt over een postgraduaat in de bedrijfskunde (KU Leuven) en behaalde tevens een master of business administration aan INSEAD. Sinds 1995 is hij actief bij Ackermans & van Haaren NV, waar hij momenteel de functie van co-CEO en co- voorzitter van het executief comité uitoefent. Voorheen was hij achtereenvolgens advocaat bij Loeff Claeys Verbeke (Allen & Overy) en consultant bij Boston Consulting Group.
- Begin mandaat LREM: 18 augustus 2016
- Begin mandaat Nextensa: 19 juli 2021
- Einde mandaat Nextensa: 18 mei 2026
- Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
-
Huidige functie: Co-voorzitter van het executief comité van Ackermans & van Haaren.
-
Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
46
DIRK ADRIAENSSEN (° 1970)
Onafhankelijk bestuurder – niet-uitvoerend bestuurder
Lid van het benoemings- en vergoedingscomité
De heer Adriaenssen is master in de rechten aan de Vrije Universiteit van Brussel en behaalde een postgraduaat in vastgoedkunde aan de Katholieke Universiteit van Leuven, waarna hij een Leadership Programme volgde te Zwitserland aan de IMD te Lausanne en deelnam aan het Real Estate Programme te Oxford. Hij heeft meer dan 25 jaar ervaring in winkel-, residentieel- en kantorenvastgoed in België, Luxemburg, Zwitserland, Oostenrijk en centraal Europa (Redevco, Retail Estates, Mitiska, ProWinko en Credit Suisse – UBS).
- Begin mandaat LREM: 22 mei 2018
- Begin mandaat Nextensa: 19 juli 2021
- Einde mandaat Nextensa: 18 mei 2026
- Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
- Huidige functie: Head Asset & Property Management van Helvetica Property Group.# ARNE HERMANS (° 1984)
Onafhankelijk bestuurder – niet-uitvoerend bestuurder via Stellar BV
De heer Hermans is master in de rechten aan de Vrije Universiteit van Brussel, master in marketing management aan de Vlerick Business School en behaalde een postgraduaat in vastgoedkunde aan de Solvay Brussels School. Hij begon zijn carrière als corporate vastgoedadvocaat bij Eubelius. In 2015 startte hij bij Xior Student Housing, waar hij als Chief Investment Officer en Compliance Officer lid van het uitvoerend management was. In 2020 richtte hij Diggit StudentLife op, waarvan hij CEO is. Diggit StudentLife staat in voor het beheer van studentenkamers en levert bijstand aan diverse private en publieke stakeholders in het kader van studentenhuisvestingsprojecten.
- Begin mandaat Nextensa: 15 mei 2023
- Einde mandaat Nextensa: 17 mei 2027
- Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
- Huidige functie: CEO van Diggit StudentLife.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
47
JO DE WOLF (° 1974)
Onafhankelijk bestuurder – niet-uitvoerend bestuurder via Lupus AM BV
De heer De Wolf is master in de toegepaste economische wetenschappen aan de KU Leuven, behaalde een MBA aan de Vlerick Business School en volgde het Master in Real Estate programma aan de KU Leuven. Hij is sinds 1997 actief in het vastgoed (Leasinvest Real Estate, Extensa Group en Brussels Airport Company). Sinds oktober 2010 is hij Chief Executive Officer bij Montea (www.montea.com), een Belgische openbare gereglementeerde vastgoedvennootschap gespecialiseerd in logistiek en industrieel vastgoed in België, Nederland, Frankrijk en Duitsland.
- Begin mandaat Nextensa: 15 mei 2023
- Einde mandaat Nextensa: 17 mei 2027
- Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
- Huidige functie: Chief Executive Officer van Montea.
SIGRID HERMANS (° 1970)
Onafhankelijk bestuurder – niet-uitvoerend bestuurder via SoHo BV
Voorzitter van het auditcomité en lid van het benoemings- en vergoedingscomité
Mevrouw Hermans is licentiate in de toegepaste economische wetenschappen aan de Universiteit van Antwerpen en erkend bedrijfsrevisor, ook volgde zij een opleiding in Fiscale Wetenschappen aan de Fiscale Hogeschool (KU Leuven/ Odisee). Na haar audit-ervaring bij PWC, vervoegde zij in 1998 Mitiska waar zij als CFO werkzaam was, alvorens zij als CFO in 2018 de L.I.F.E. group (vastgoedvennootschap gespecialiseerd in residentiële projecten, studentenhuisvesting en co-working) heeft vervoegd. Vanaf december 2023 is zij CEO van L.I.F.E NV.
- Begin mandaat LREM: 20 mei 2019
- Begin mandaat Nextensa: 19 juli 2021
- Einde mandaat Nextensa: 17 mei 2027
- Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
- Huidige functie: CEO van L.I.F.E.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
48
AN HERREMANS (° 1982)
Niet-uitvoerend bestuurder
Lid van het auditcomité
Mevrouw Herremans volgde een opleiding als handelsingenieur (Katholieke Universiteit Leuven) en behaalde een master in financial management aan Vlerick Management School. Zij startte haar carrière als consultant bij Roland Berger (2006 - 2011), en werkte vervolgens als Corporate Business Development manager en Strategy Office manager bij Barco (2011 - 2014). Zij werkt sinds 2014 bij Ackermans & van Haaren en vervoegde het executief comité vanaf 1 september 2021.
- Begin mandaat Nextensa: 16 mei 2022
- Einde mandaat Nextensa: 18 mei 2026
- Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
- Huidige functie: Lid van het executief comité van Ackermans & van Haaren.
HILDE DELABIE (° 1968)
Niet-uitvoerend bestuurder
Lid van het auditcomité
Mevrouw Delabie is master in de economische wetenschappen aan de Katholieke Universiteit Leuven en beschikt over een postgraduaat in business economy aan de Universite Catholique van Louvain-La-Neuve. Zij startte haar carrière bij Deloitte als auditor en werkt sinds 1998 bij Ackermans & van Haaren als group controller.
- Begin mandaat Nextensa: 16 mei 2022
- Einde mandaat Nextensa: 18 mei 2026
- Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
- Huidige functie: Senior business controller Ackermans & van Haaren.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
49
Cloche d’Or - Luxemburg
Aanpassing bestuurdersmandaten gedurende het boekjaar 2024
Tijdens het afgelopen boekjaar vonden er geen wijzigingen plaats aan de bestuurdersmandaten binnen Nextensa.
Activiteitenverslag van de raad van bestuur
De raad van bestuur streeft naar duurzame waardecreatie door de vennootschap, via de bepaling van de strategie van de vennootschap, het tot stand brengen van doeltreffend, verantwoordelijk en ethisch leiderschap en het houden van toezicht op de prestaties van de vennootschap. Om deze duurzame waardecreatie doeltreffend na te streven, ontwikkelt de raad van bestuur een inclusieve benadering die een evenwicht tot stand brengt tussen de legitieme belangen en verwachtingen van aandeelhouders en andere stakeholders.
Naast de uitoefening van de hierboven vermelde algemene activiteiten vonden 7 vergaderingen van de raad van bestuur van de vennootschap plaats tijdens het boekjaar 2024 om in essentie onderstaande punten te bespreken:
- de verdere uitwerking van de strategie van de vennootschap en diens verdere geografische uitbreiding in België, het Groothertogdom Luxemburg en Oostenrijk met de daaraan gekoppelde (des)investeringen, belangrijke renovaties en (her)ontwikkelingen;
- de monitoring van de schuldgraad en de indekkingsgraad;
- de optimalisatie van de corporate structuur;
- de bespreking en analyse van de budgetten en vooruitzichten;
- de hernieuwing en heronderhandeling van lopende bankkredieten en kredietlijnen in het kader van de financiële strategie en de controle op de daaraan gelinkte derivaten;
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
50
- het toezicht op het beleid en de werking van het executief comité, naast het toezicht op de werking van de interne controlesystemen;
- de operationele en financiële rapportering, waaronder de opmaak van het jaarlijks en halfjaarlijks financieel verslag naast de opmaak van persberichten;
- het uitwerken van het duurzaamheids-beleid en strategie van de groep;
- de opmaak van het verslag van de raad van bestuur met betrekking tot hernieuwing van de machtiging inzake het toegestane kapitaal;
- de opmaak van verslagen van de raad van bestuur met betrekking tot de inbreng in natura van een schuldvordering (in het kader van het keuzedividend);
- operationele punten, geïdentificeerd door het executief comité, die de aandacht van de raad van bestuur verdienen.
De notulen van de vergaderingen geven een overzicht van de beraadslagingen, specificeren de besluiten en maken desgevallend melding van het eventuele voorbehoud van bepaalde bestuurders. De notulen worden bijgehouden op de zetel van de vennootschap.
Gedurende het voorbije boekjaar zijn er geen bijzondere werkzaamheden verricht op het gebied van onderzoek en ontwikkeling, noch door de vennootschap, noch door de vennootschappen die tot haar consolidatiekring behoren.
Meerderheden
De besluiten van de raad van bestuur worden genomen met een gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde bestuurder. De besluiten van de raad van bestuur kunnen worden genomen bij eenparig schriftelijk besluit van de bestuurders.
Evaluatie
Eenmaal om de 5 jaar evalueert de raad van bestuur of de gekozen governance structuur nog steeds geschikt is. De evaluatie van de samenstelling en de werking van de raad van bestuur en zijn adviserende comités gebeurt om de drie jaar. Desgevallend kan hiervoor het advies van externe deskundigen worden ingewonnen. Een dergelijke evaluatie houdt ook rekening met de omvang van de raad van bestuur, de samenstelling en de werking ervan en van de adviserende comités, en de interactie met de CEO en, in voorkomend geval, het executief comité, ten einde na te gaan of alle belangrijke onderwerpen voldoende worden voorbereid en besproken.
De laatste evaluatie van de samenstelling en werking van de raad van bestuur vond plaats begin 2023. Eénmaal per jaar evalueren de niet-uitvoerende bestuurders, tevens de relatie tussen de raad van bestuur enerzijds en de CEO en, in voorkomend geval, het executief comité anderzijds. Aan het eind van het mandaat van iedere bestuurder, vindt ook een evaluatie plaats van de betrokken bestuurder waarbij wordt rekening gehouden met de aanwezigheid in de vergaderingen en zijn of haar engagement en constructieve betrokkenheid in besprekingen en besluitvorming. Deze evaluatieprocedure kan desgevallend leiden tot de aanpassing van de samenstelling van de raad van bestuur, voorstellen tot voordracht van nieuwe bestuurders of de niet-herbenoeming van zetelende bestuurders.
Secretaris
De raad van bestuur en haar comités wordt bijgestaan door de secretaris van de vennootschap. Deze functie wordt momenteel uitgeoefend door Anouk Kerkhofs, Corporate Legal Counsel.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
51
Adviserende comités
De raad van bestuur heeft conform de artikelen 7:98, 7:99 en 7:100 van het WVV 2 adviserende comités die de raad van bestuur bijstaan in de uitvoering van zijn verantwoordelijkheden conform principe van de Code 2020 en zoals verder toegelicht in het Corporate Governance Charter. De adviserende comités hebben een louter adviserende functie. Zij zijn belast met het onderzoek van specifieke kwesties en het formuleren van adviezen aan de raad van bestuur.# AUDITCOMITÉ
Het auditcomité verleent de raad van bestuur ondersteuning bij het vervullen van zijn verantwoordelijkheden inzake monitoring met het oog op controle in de ruimste zin, inclusief de risico’s. Het auditcomité ziet erop toe dat de financiële verslaggeving van de vennootschap een waarheidsgetrouw, oprecht en duidelijk beeld geeft van de situatie en de vooruitzichten van de vennootschap en controleert in het bijzonder de jaarlijkse en periodieke financiële informatie voordat deze openbaar wordt gemaakt. Het comité gaat eveneens de correcte en consequente toepassing van de boekhoudnormen en waarderingsregels van de vennootschap na. Het auditcomité evalueert minstens éénmaal per jaar de interne controle- en risicobeheersystemen om zich ervan te vergewissen dat de voornaamste risico’s behoorlijk werden geïdentificeerd, beheerd en gepubliceerd. Het auditcomité evalueert en monitort ook de onafhankelijkheid van de commissaris en geeft aanbevelingen inzake de interne en externe audit. Het auditcomité houdt tevens toezicht op de aard en omvang van niet-controlediensten van de commissaris. De taken van het auditcomité worden uitgeoefend in overeenstemming met artikel 7:99, §4 WVV. De controleopdracht van het auditcomité en de daarmee verbonden rapporteringsplicht heeft betrekking op de vennootschap en haar dochterondernemingen.
Het auditcomité was tijdens het voorbije boekjaar samengesteld als volgt:
- SoHo BV, met als vaste vertegenwoordiger Sigrid Hermans, onafhankelijk bestuurder en voorzitter;
- Hilde Delabie, niet-uitvoerend bestuurder;
- An Herremans, niet-uitvoerend bestuurder.
Alle leden van het auditcomité beschikken over de collectieve deskundigheid inzake de activiteiten van de vennootschap en over de nodige deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit, zowel door hun opleidingsniveau als door hun ervaring in die materie.
Er vonden 4 vergaderingen van het auditcomité plaats tijdens het boekjaar 2024 waarop onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: de financiële rapporteringen per kwartaal; risicomanagement, interne controle en regelgeving; opvolging, schuld- en indekkingsgraad van de vennootschap.
Behalve wanneer het auditcomité anders bepaalt, hebben de CEO en de CFO het recht om de vergaderingen van het auditcomité bij te wonen, hetgeen gedurende het afgelopen boekjaar inderdaad steeds gebeurde.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
52 Lake Side - België
BENOEMINGS- EN REMUNERATIECOMITÉ
Het benoemings- en remuneratiecomité ziet toe op een objectief en professioneel verloop van het benoemingsproces, staat de raad bij inzake de vergoeding van de leden van de raad van bestuur en van het executief comité, formuleert aanbevelingen voor het remuneratiebeleid, evalueert jaarlijks de prestaties van het executief comité en de verwezenlijking van de ondernemingsstrategie. De overige taken van dit comité zijn terug te vinden in het Corporate Governance Charter (art. 3.3.2) en in artikel 7:100, §5 WVV.
Het benoemings- en remuneratiecomité bestaat uitsluitend uit niet-uitvoerende bestuurders en de meerderheid van de leden zijn onafhankelijke bestuurders, conform artikel 7:100 van het WVV en bepaling 4.19 van de Code 2020. De bestuurders in dit comité beschikken over de nodige deskundigheid op het gebied van remuneratiebeleid.
Het benoemings- en remuneratiecomité was tijdens het voorbije boekjaar samengesteld als volgt:
- Piet Dejonghe, niet-uitvoerend bestuurder en voorzitter;
- SoHo BV, met als vaste vertegenwoordiger Sigrid Hermans, onafhankelijk bestuurder;
- Dirk Adriaenssen, onafhankelijk bestuurder.
Behoudens indien het benoemings- en remuneratiecomité het anders bepaalt, heeft de CEO het recht om de vergaderingen van het benoemings- en remuneratiecomité bij te wonen, hetgeen gedurende het afgelopen boekjaar inderdaad steeds gebeurde.
Er vonden 2 vergaderingen van het benoemings- en remuneratiecomité plaats tijdens het boekjaar 2024 waarop onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: het HR- en remuneratiebeleid; de evaluatie van de prestaties van het executief comité en van de CEO in het bijzonder op basis van overeengekomen prestatiemaatstaven – en doelstellingen; de samenstelling van de raad van bestuur en het executief comité; het remuneratieverslag, dat deel uitmaakt van het jaarverslag; HR beleid en kerncijfers; organisatiestructuur; updates actieplan HR.
Comité van onafhankelijke bestuurders
Het comité van onafhankelijke bestuurders bestaat uit alle onafhankelijke bestuurders van de raad van bestuur. Het comité wordt voorgezeten door één van haar leden, in principe het lid met de meeste anciënniteit in zijn functie, en komt tussen in de gevallen vermeld in artikel 7:97 WVV.
Er vonden geen vergaderingen van het comité van onafhankelijke bestuurders plaats tijdens het boekjaar 2024.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
53 Park Lane - België
Dagelijks bestuur - Executief comité
Dagelijks bestuur
Vanaf 19 juli 2021 is het dagelijks bestuur van Nextensa NV exclusief toevertrouwd aan Michel Van Geyte als gedelegeerd bestuurder van Nextensa NV. Sinds 16 mei 2022 oefent Michel Van Geyte deze functie uit als vaste vertegenwoordiger van Midhan BV.
Executief comité
Op 22 oktober 2021, in navolging van de afstand van het GVV-statuut en de omvorming van de vennootschap van een commanditaire vennootschap op aandelen met een statutaire zaakvoerder naar een naamloze vennootschap met een collegiale raad van bestuur, heeft de raad van bestuur van de vennootschap beslist een comité op te richten, executief comité genoemd, dat in essentie belast is met de bespreking van de algemene leiding van de vennootschap onder leiding van de CEO. Het executief comité richt zich op het operationeel beheer van het bedrijf en voert de strategie uit die is goedgekeurd door de raad van bestuur en zorgt voor de afstemming op de doelstellingen van het bedrijf.
Het executief comité bestaat uit volgende personen:
- Michel Van Geyte (Chief Executive Officer), via Midhan BV CV, zie hierboven.
- Tim Rens (Chief Financial Officer), via Montevini BV
Tim Rens (°1981) is sinds 1 mei 2017 werkzaam als CFO bij de vennootschap. Na zijn studies handelsingenieur aan de KU Leuven deed hij meer dan 12 jaar ervaring op in audit bij Deloitte, waarvan 4 jaar als Senior Audit Manager voor o.a. gereglementeerde vastgoedvennootschappen. Tijdens zijn carrière bij Deloitte voltooide hij zijn stage tot bedrijfsrevisor in 2012. Hij treedt op als bestuurder van diverse dochtervennootschappen van Nextensa NV.
Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 1.023
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
54
- Olivier Vuylsteke (Chief Investment Officer), via Wimas BV
Olivier Vuylsteke (°1981) is sinds 12 juni 2017 actief bij Nextensa, initieel als Asset & Investment manager voor de Belgische portefeuille, en ondertussen als CIO. Hij is architect van opleiding en startte in 2007 in het capital markets team van JLL (het toenmalige King Sturge) en heeft sinds zijn overstap in 2010 naar CBRE Global Investors meer dan 14 jaar ervaring in asset & investment management. Hij treedt op als bestuurder van diverse dochtervennootschappen van Nextensa NV.
Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
- Peter De Durpel (Chief Operations Officer), via Durabel Consulting BV
Na zijn studies burgerlijk bouwkundig ingenieur aan de Koninklijke Militaire School, is Peter De Durpel (°1968) zijn professionele loopbaan gestart bij de dienst Infrastructuur van Defensie. Vervolgens heeft hij gedurende 15 jaar diverse leidinggevende functies bekleed bij vastgoedconsultant Bopro. Sinds 2015 is hij als COO actief bij Extensa en thans bekleedt hij dezelfde functie bij Nextensa. Hij treedt op als bestuurder van diverse dochtervennootschappen van Nextensa NV.
Aantal aandelen Nextensa in bezit op 31 december 2024: 0
De overeenkomsten tussen de vennootschap en de leden van het executief comité zijn van onbepaalde duur en bevatten de gebruikelijke bepalingen inzake niet- concurrentie en confidentialiteit. De CEO en de overige leden van het executief comité kunnen hun respectievelijke overeenkomst eenzijdig beëindigen mits betekening van een opzegtermijn van 6 maanden. De vennootschap kan eenzijdig deze overeenkomst beëindigen mits betekening van een opzegtermijn van 12 maanden.
Interne werking
Op een meer operationeel niveau wordt ieder departement van de groep geleid door een “Head Of” of door management dat ervoor zorgt dat de strategie van het executief comité wordt geïmplementeerd, terwijl het de belangrijkste operationele updates deelt en de feedback van de werknemers aan het management doorgeeft.# Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
Op het vlak van sustainability management werd een ESG-comité opgericht dat rechtstreeks rapporteert aan het executief comité van Nextensa en een sleutelrol speelt in het adviseren van de CEO en het executief comité over strategische beslissingen met betrekking tot de belangrijke ESG-prioriteiten. Dit team is ook verantwoordelijk voor het vertalen en verspreiden van Nextensa’s duurzaamheidsprioriteiten naar de business, het verder ontwikkelen van de strategie, het bepalen van doelstellingen en KPI’s en het spelen van een centrale rol in het betrekken van alle leden van de organisatie bij deze processen. Meer informatie over dit ESG-comité is te vinden in hoofdstuk 3 ‘Duurzaamheidsverslag’.
De raad van bestuur vertegenwoordigt de vennootschap jegens derden en in rechte als eiser of als verweerder. Nextensa zelf is lid van het Urban Land Institute (ULI), de Beroepsvereniging van de Belgische Vastgoedsector (UPSI-BVS), de Belgisch Luxemburgse Raad voor Retail en Winkelcentra (BLSC), de Vlaamse Federatie van Beleggers (VBF), de Belgische Vereniging van Beursgenoteerde Vennootschappen (BVBV), het instituut voor bestuurders (Guberna), de Brusselse Havengemeenschap, UP 4 North en de Brusselse Kamer van Koophandel.
De principes van gelijke kansen, diversiteit en inclusie zijn van wezenlijk belang voor Nextensa en zijn verankerd in de bedrijfsnormen en -waarden van de organisatie, ondermeer via haar gedragscodes en Corporate Governance Charter. Wat diversiteit betreft, past de vennootschap de bepalingen toe van artikel 7:86 WVV inzake de vertegenwoordiging van beide geslachten in de raad van bestuur en schikt zij zich voorts naar de aanbevelingen van de Code 2020 bij het streven naar verscheidenheid en complementariteit van de profielen in haar advies- en beslissingsorganen.
Nextensa is ervan overtuigd dat het respect voor diversiteit binnen haar organen meerdere facetten behelst, hetgeen ertoe leidt dat er niet zozeer wordt gefocust op één aspect ervan, maar dat er steeds veel aandacht wordt besteed aan de nodige complementariteit inzake competenties, ervaring, persoonlijkheden en profielen in de samenstelling van die organen, naast de vereiste professionele deskundigheid en eerbaarheid voor de uitoefening van die functies. Die doelstelling wordt door de raad van bestuur en het benoemings- en remuneratiecomité in praktijk gebracht door een evaluatie van de bestaande en ontbrekende competenties, kennis en ervaring, voorafgaand aan de zoektocht naar geschikte profielen voor elke benoeming. In dit verband ziet de raad van bestuur er op toe dat alle bestuurs- en adviesorganen zo optimaal mogelijk worden samengesteld uit leden van verschillende leeftijdscategorieën, beroepservaringen en competenties.
Nextensa is ervan overtuigd dat voormelde diversiteitsprincipes zich niet uitsluitend beperken tot haar bestuursorganen, maar doorheen de gehele organisatie moeten worden toegepast. Zo wordt er naast de vereiste professionele competenties en de door de wet vereiste diversiteitscriteria, steeds veel belang gehecht aan verscheidenheid in al haar vormen bij de keuze van haar medewerkers, zodat er een complementair team ontstaat met een goede variatie inzake gender, leeftijd, opleiding, culturele achtergrond, enz.
2.5. Diversiteitsbeleid
Informatie over de samenstelling van de raad van bestuur en het executief comité
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Executief comité | |||
| Man | 4/4 | 4/4 | 4/4 |
| Vrouw | 0/4 | 0/4 | 0/4 |
| Raad van bestuur | |||
| Aantal uitvoerend bestuurders | 1/8 | 1/8 | 1/8 |
| Aantal niet-uitvoerend bestuurders | 7/8 | 7/8 | 7/8 |
| Aantal onafhankelijk bestuurders | 4/8 | 4/8 | 4/8 |
| Man | 5/8 | 5/8 | 3/8 |
| Vrouw | 3/8 | 3/8 | 5/8 |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
2.6. Compliance
Gedragscode medewerkers
De gedragscode voor medewerkers van de Nextensa groep is opgesteld om het belang van ethisch en verantwoordelijk ondernemen te benadrukken. Deze code creëert een algemeen (gedrags)kader dat bestaat uit een aantal algemene principes en ethische richtlijnen die van toepassing zijn op elk lid van de vennootschapsorganen en op elke medewerker van de Nextensa Groep. Dit beleid omvat verschillende engagementen, zoals de naleving van wet- en regelgeving, het voorkomen van belangenconflicten, het voorkomen van corruptie en omkoping en het beleid rond relatiegeschenken en gastvrijheid. De compliance officer ziet toe op de naleving van deze gedragscode en beantwoordt de vragen over de toepassing ervan. De gedragscode medewerkers wordt vastgelegd door de raad van bestuur en alle medewerkers ontvangen en ondertekenen een kopie wanneer ze worden aangeworven. Jaarlijks dient iedere medewerker en bestuurder zijn kennisname van en akkoord met de naleving van deze gedragscode te bevestigen. Daarnaast worden regelmatig opleidingen georganiseerd voor de medewerkers (algemeen of in bepaalde rollen) m.b.t. onderwerpen die relevant zijn in het kader van deze code. De gedragscode medewerkers werd voor het laatst geactualiseerd op 17 november 2023 en is terug te vinden op www.nextensa.eu (Over Nextensa - Corporate Governance).
Gedragscode partners
De gedragscode voor handelspartners en leveranciers bepaalt, enerzijds, de minimumnormen waartoe de Nextensa groep zichzelf en al haar medewerkers verbindt en zet, anderzijds, de verwachte gedragingen uiteen die de Nextensa groep aan haar klanten, kopers en andere gebruikers van haar vastgoed en aan haar leveranciers, aannemers en andere externe dienstverleners stelt. Nextensa wenst immers sterke partnerschappen aan te gaan met haar handelspartners en leveranciers, gebaseerd op (wederzijds) respect, eerlijkheid, billijkheid en integriteit. De gedragscode partners wordt vastgelegd door de raad van bestuur. Deze code verwoordt de ‘S’ (Social) en de ‘G’ (Governance) van het ESG-beleid van de Nextensa groep ten aanzien van haar partners. De duurzaamheidsdoelstellingen- en verplichtingen die de groep oplegt aan haar partners, zijnde de ‘E’ (Environmental) van haar ESG-beleid, zijn onder andere terug te vinden in de “Green lease” bepalingen die worden opgenomen in de overeenkomsten met de gebruikers (huurders, …) van haar vastgoedportefeuille of in het duurzaam aankoopbeleid dat deel uitmaakt van haar aannemingsvoorwaarden. De gedragscode partners werd voor het laatst geactualiseerd op 17 november 2023 en is terug te vinden op www.nextensa.eu (Over Nextensa - Corporate Governance).
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
Gedragscode inzake financiële transacties
De raad van bestuur heeft haar gedragsregels inzake financiële transacties bekendgemaakt in haar Dealing Code. In deze Dealing Code wordt het interne beleid van Nextensa inzake de voorkoming van misbruik van voorwetenschap en andere vormen van marktmisbruik vastgelegd. De raad van bestuur heeft deze regels opgesteld, om te vermijden dat voorwetenschap door de medewerkers op onwettelijke wijze zou worden aangewend, of dat zelfs maar een dergelijke indruk zou kunnen worden gewekt. De Code voorziet een procedure betreffende de door de bestuurders, leden van het executief comité of door de medewerkers te verrichten transacties in financiële instrumenten van Nextensa. De compliance officer ziet toe op de naleving van de integriteitscode en beantwoordt de vragen over de toepassing ervan. De Dealing Code wordt vastgelegd door de raad van bestuur en alle medewerkers ontvangen en ondertekenen een kopie wanneer ze worden aangeworven. Bestaande en nieuwe werknemers krijgen daarnaast op regelmatige basis informatiesessies over de principes uit deze code die op hen van toepassing zijn. De Dealing Code werd voor het laatst geactualiseerd op 11 februari 2025 en is terug te vinden op www.nextensa.eu (Over Nextensa - Corporate Governance).
Innovatiebeleid
Het innovatiebeleid van de vennootschap is erop gericht een kader te creëren waarin de strategie en het proces rond innovatie binnen Nextensa wordt vastgelegd. De bedoeling van dit beleid is om innovatie en nieuwe technologieën formeel te integreren binnen Nextensa’s structuur en hiermee haar processen, projectontwikkeling, asset management en klanttevredenheid te optimaliseren. Nextensa gelooft immers dat innovatie en technologie nieuwe mogelijkheden aan het licht brengt en dat deze kunnen leiden tot duurzame groei voor alle stakeholders. Het innovatiebeleid steunt op een bottom-up strategie waarbij mogelijke initiatieven geïdentificeerd worden op operationeel niveau en doorstromen naar het uitvoerende niveau. In tegenstelling tot de top-downstrategie, die doorgaans begint met strategische doelen op het management niveau die vervolgens worden vertaald in operationele richtlijnen, richt de innovatie bottom-up strategie zich op operationele capaciteiten en efficiëntie om strategische doelen te verwezenlijken. De raad van bestuur zal, overeenkomstig dit beleid, jaarlijks worden geïnformeerd over de lopende initiatieven op het vlak van innovatie. Deze initiatieven zullen worden geselecteerd en opgevolgd door de leden van het executief comité.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
In 2024 werd het duurzaam aankoopbeleid voor leveranciers, dienstverleners en andere partners van Nextensa verder geformaliseerd en geïmplementeerd. De duurzaamheidseisen in onze toeleveringsketen zijn van toepassing op zowel alle entiteiten van de vastgoedgroep Nextensa zelf, als op haar leveranciers en dienstverleners en, niet limitatief opgesomd, (onder)aannemers, (onder)leveranciers van goederen en diensten, adviesbureaus, alle werkkrachten, enz.# Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
De duurzaamheidseisen zijn eveneens van toepassing op de gebruikers van gebouwen (huurders, vruchtgebruikers, houders van andere gebruiks- of zakelijke rechten, …). Deze eisen zijn opgenomen in de “Green lease” bepalingen in de overeenkomsten met de gebruikers van gebouwen. Het duurzaam aankoopbeleid is niet alleen van toepassing op nieuwe aankopen, maar eveneens op alle werkzaamheden die worden uitgevoerd aan de bestaande gebouwen in de Nextensa vastgoedportefeuille, zowel inzake onderhoud, reparatie, vervanging, als renovatie en mogelijke uitbreiding ervan. Nextensa vraagt bovendien aan haar leveranciers en dienstverleners het engagement om de voorgeschreven duurzaamheidseisen aan haar eigen leveranciers, dienstverleners en werkkrachten door te geven. Het duurzaam aankoopbeleid verwijst wat betreft de ethische toeleveringsketen naar een aparte code: Nextensa’s gedragscode voor partners. Voor de milieuvriendelijke toeleveringsketen dienen gebruikers van gebouwen (huurders, vruchtgebruikers, ...), leveranciers en dienstverleners, waar mogelijk, aan Nextensa het gebruik van hun energie en natuurlijke hulpbronnen, emissies, lozingen, CO2- voetafdruk en afvalbeheer mee te delen en de negatieve gevolgen op het milieu zoveel als mogelijk te minimaliseren. Nextensa zal samen met haar stakeholders op regelmatige basis een evaluatie maken van hun impact op het milieu en op deze basis continu streven naar verduurzaming. Bij de beoordeling van de partners waarmee zal worden samengewerkt, houdt Nextensa rekening met de duurzaamheidscriteria zoals opgenomen in het duurzaam aankoopbeleid.
De algemene verordening gegevensbescherming is in 2018 in voege getreden en is bedoeld om het fundamenteel recht van personen op bescherming van hun persoonsgegevens te beschermen. In dit kader heeft Nextensa een privacybeleid ingevoerd dat betrekking heeft op al haar activiteiten. Er zijn specifieke gegevensbeschermingsovereenkomsten gesloten met leveranciers, onderaannemers, tegenpartijen, enz. Dit privacybeleid wordt geregeld geëvalueerd met inachtneming van eventuele relevante ontwikkelingen in de activiteiten of de regelgeving.
Binnen Nextensa worden op regelmatige basis interne en externe audits uitgevoerd betreffende het geheel van de IT-beveiligingsrisico’s. De bevindingen, aanbevelingen en het actieplan ter beperking van de risico’s in dit verband worden binnen het executief comité besproken.
Duurzaam aankoopbeleid
Bescherming van persoonsgegevens
Cyberveiligheid
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
59
De vennootschap heeft onder de verantwoordelijkheid van de raad van bestuur een systeem van interne controle opgezet en wordt in dit verband bijgestaan door de commissaris en het auditcomité. De interne controle omvat een geheel van middelen, handelingen, procedures en acties die aangepast zijn aan de specifieke kenmerken van de vennootschap die bijdragen tot het beheersen van haar activiteiten, de doeltreffendheid van haar verrichtingen, het efficiënte gebruik van haar middelen en die haar in staat stellen op gepaste wijze rekening te houden met de belangrijke risico’s, of die nu operationeel of financieel van aard zijn of verband houden met compliance of het klimaat. De principes van het referentiekader van het Committee of Sponsoring Organisations van de Treadway Commission („COSO“) hebben gediend als basis voor het opstellen van het risicobeheer- en controlesysteem van Nextensa. De interne controle beoogt meer bepaald: de betrouwbaarheid en integriteit van de financiële rapportering; een goed geregeld en voorzichtig beheer, met welomlijnde doelstellingen; het economisch verantwoord en efficiënt gebruik van de ingezette middelen; de opstelling van interne algemene beleidslijnen, plannen en procedures; de naleving van de wetten en reglementen.
De interne controle wordt binnen de Nextensa groep georganiseerd op verschillende niveuns. De business draagt in eerste instantie zelf de verantwoordelijkheid voor alle risico’s van zijn eigen processen en dient te zorgen voor de identificatie ervan en de effectieve controles. Risicobeheer maakt integraal deel uit van de manier waarop het bedrijf wordt gerund. Dit gaat van dagelijks financieel en operationeel beheer, met inbegrip van het four eyes-principe, het formuleren van de strategie en objectieven, tot het verankeren van de strakke procedures voor de besluitvorming. Daarom is het risicobeheer de verantwoordelijkheid van de hele Nextensa Groep, i.e. over alle lagen van de organisatie heen, zij het op ieder niveau met een verschillende verantwoordelijkheid. Daarnaast zijn er functies binnen de organisatie die ondersteuning bieden aan de business en het management door expertise aan te brengen en onafhankelijk van de business een eigen mening te formuleren aangaande de risico’s waarmee Nextensa geconfronteerd wordt: namelijk de compliancefunctie, de financiële controlefunctie en de IT security-functie.
Naast de algemene organisatie van de interne controlestructuren, heeft het auditcomité een specifieke taak inzake de interne controle. Zij ondersteunt de raad van bestuur bij het vervullen van zijn verantwoordelijkheden inzake monitoring met het oog op een controle in de ruimste zin, inclusief de risico’s. De verantwoordelijkheden, samenstelling, bevoegdheden en werking van dit auditcomité zijn beschreven in het Corporate Governance Charter. De kwaliteit van de interne controlesystemen wordt ten slotte beoordeeld door de commissaris, enerzijds in het kader van de audit van de halfjaar- en jaarcijfers, anderzijds in het kader van het jaarlijks nazicht van de onderliggende processen en procedures. Niettegenstaande de verdere professionalisering en versterking van de teams de voorbije jaren – gegeven de groei van de groep – blijft de omvang van het team beperkt, waarbij een te zware structuur en te veel formalisme inzake risicobeheer vermeden wordt. Nextensa heeft zijn belangrijkste bedrijfsrisico’s geïdentificeerd en geanalyseerd, zie hiervoor het hoofdstuk “Risicofactoren“ van dit jaarverslag.
2.7. Interne controle en risicobeheer
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
60
2.8. Andere betrokken personen
Commissaris
De commissaris, benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders, controleert de statutaire en geconsolideerde jaarrekening en de jaarlijkse en halfjaarlijkse financiële verslagen. De commissaris van de groep is op heden Deloitte Bedrijfsrevisoren BV, met zetel te Luchthaven Brussel Nationaal 1 J, 1930 Zaventem (0429.053.863 - RPR Brussel), ingeschreven bij het Instituut van de Bedrijfsrevisoren onder nummer B00025, met de heer Ben Vandeweyer als vaste vertegenwoordiger. Het mandaat van Deloitte Bedrijfsrevisoren loopt ten einde na de gewone algemene vergadering van 2027.
De jaarlijkse vergoeding van de commissaris voor de controle van de statutaire en geconsolideerde jaarrekening van de vennootschap met betrekking tot het boekjaar 2024 bedraagt EUR 90.000 (excl. BTW en out-of-pocket kosten). De vergoeding van de commissaris voor de controle van de jaarrekening met betrekking tot het boekjaar 2024 van de Belgische dochtervennootschappen van de vennootschap bedraagt in totaal EUR 170.000 ( excl. BTW). De vergoeding van de commissaris voor de controle van de jaarrekening met betrekking tot het boekjaar 2024 van de buitenlandse dochtervennootschappen van de vennootschap bedraagt in totaal EUR 217.500 (excl. BTW). Daarnaast werden aan de commissaris een totaal van EUR 15.000 (excl. BTW) aan vergoedingen betaald voor bijzondere opdrachten.
Afspraken omtrent de (forfaitaire) vergoedingen voor de commissaris van de vennootschap worden contractueel vastgelegd met de commissaris en worden, wat de vergoeding voor de auditopdracht betreft, goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders.
Vastgoedexperts
Voor het boekjaar 2024 heeft Nextensa beroep gedaan op twee vastgoedexperts voor de waardering van haar vastgoedbeleggingen:
i. Cushman & Wakefield Belgium NV (met zetel te Marnixlaan 23, 1000 Brussel, België), voor de waardering van de vastgoedbeleggingen in België en Groothertogdom Luxemburg, en
ii. Örag Immobilien Vermittlung GmbH (met zetel te Bankgasse 1, 1010 Wenen, Oostenrijk), voor de waardering van de vastgoedbeleggingen in Oostenrijk.
De vastgoedportefeuille van Nextensa wordt jaarlijks enkel geschat op 30 juni en 31 december en dit op vrijwillige basis.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
61
2.9. Remuneratieverslag
Dit remuneratieverslag bevat informatie over de remuneratie van de leden van de raad van bestuur en de leden van het executief comité van Nextensa van hun prestaties binnen de Nextensa groep gedurende het boekjaar 2024. Het remuneratieverslag is opgesteld overeenkomstig artikel 3:6, §3 WVV en de Code 2020. In dit verslag worden de belangrijkste uitgangspunten van het remuneratiebeleid van de vennootschap uiteengezet evenals de wijze waarop dit beleid in de loop van het jaar is toegepast. Het huidige remuneratiebeleid kan worden geraadpleegd op www.nextensa.eu (Over Nextensa - Corporate Governance).
Het huidige remuneratiebeleid van de vennootschap werd goedgekeurd door de gewone algemene vergadering van 16 mei 2022 en is van toepassing vanaf 1 januari 2022. De raad van bestuur heeft voor wat betreft de vergoeding van de prestaties in 2024 op geen enkel punt afgeweken van het goedgekeurde remuneratiebeleid. Het remuneratieverslag voor het boekjaar 2023 werd op de gewone algemene vergadering van 21 mei 2024 goedgekeurd met een grote meerderheid van 99,4% van de aanwezige stemmen en er waren geen specifieke opmerkingen waarmee rekening moest worden gehouden bij de bezoldiging voor het boekjaar 2024.# Vergoeding van de bestuurders van de vennootschap
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
62
De niet-uitvoerende bestuurders worden als volgt vergoed voor hun mandaat: Basisvergoeding voor de niet-uitvoerende bestuurders: € 22.000/jaar Bijkomende vergoeding voor de voorzitter van de raad van bestuur: € 23.000/jaar Bijkomende vergoeding voor de voorzitter van het auditcomité: € 4.000/jaar Zitpenning per deelname aan een vergadering van de raad van bestuur, het auditcomité of het benoemings- en remuneratiecomité: € 2.500 Alle leden van de raad van bestuur zijn gedekt door een polis burgerlijke aansprakelijkheid bestuurders (“D&O Insurance”) waarvan de premie wordt betaald door de Vennootschap. De niet-uitvoerende bestuurders genieten geen andere voordelen. Zij ontvangen geen prestatiegebonden vergoedingen, zoals bonussen en aandelenopties, en ontvangen geen voordelen in natura noch voordelen die verbonden zijn aan pensioenplannen. Wel worden de bestuurders vergoed voor de normale en gerechtvaardigde uitgaven en kosten, die zij kunnen doen gelden als gedaan in de uitoefening van hun opdracht. De uitvoerende bestuurder ontvangt geen vergoeding voor de uitoefening van het bestuursmandaat binnen Nextensa.
Deze tabel geeft per bestuurder de vergoeding weer waarop zij recht hebben voor de vervulling van hun mandaat over boekjaar 2024. Deze vergoeding zal worden betaald na goedkeuring van de statutaire jaarrekening van Nextensa door de gewone algemene vergadering die gepland staat op 19 mei 2025. De vergoeding van Piet Dejonghe, An Herremans en Hilde Delabie zal worden betaald aan Ackermans & van Haaren krachtens een overeenkomst tussen hen.
Overzicht van de vergoeding van de bestuurders van de vennootschap in 2024
| Raad van bestuur | Lid AC | Lid BRC | Raad van bestuur | Comités | AC | BRC | VASTE VERGOEDING | AANWEZIGHEID | Zitpenningen | Totale vergoeding (excl. BTW) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Piet Dejonghe | 45.000 | - | - | 7/7 | - | 2/2 | 17.500 | 5.000 | 67.500 | |
| Dirk Adriaenssen | 22.000 | - | - | 7/7 | - | 2/2 | 17.500 | 5.000 | 44.500 | |
| Hilde Delabie | 22.000 | - | - | 7/7 | 4/4 | - | 17.500 | 10.000 | 49.500 | |
| An Herremans | 22.000 | - | - | 7/7 | 4/4 | - | 17.500 | 10.000 | 49.500 | |
| Sigrid Hermans (via SoHo BV) | 22.000 | 4.000 | - | 7/7 | 4/4 | 2/2 | 17.500 | 15.000 | 58.500 | |
| Jo De Wolf (via Lupus AM BV) | 22.000 | - | - | 7/7 | - | - | 17.500 | - | 39.500 | |
| Arne Hermans (via Stellar BV) | 22.000 | - | - | 7/7 | - | - | 17.500 | - | 39.500 | |
| Michel Van Geyte (via Midhan BV) | - | - | - | 7/7 | - | - | - | - | - | |
| TOTAAL | 348.500 |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
63
De vergoeding van de CEO en de overige leden van het huidige executief comité van de vennootschap bestaat uit vier componenten: (i) een vaste vergoeding in speciën, (ii) een variabele vergoeding in speciën (STI of short term incentive), (iii) aandelenopties (LTI of long term incentive) en (iv) verzekering en overige voordelen. De raad van bestuur bepaalt de vergoeding van de leden van het executief comité, op voorstel van het benoemings- en remuneratiecomité. Deze vergoeding wordt bepaald met het oog op het aantrekken, motiveren en behouden van de leden van het executief comité, waarbij rekening wordt gehouden met de omvang van de groep en de individuele verantwoordelijkheden die van elk lid van het executief comité worden verwacht, de vereiste relevante ervaring en de vaardigheden naast diens anciënniteit. De analyse van de vergoeding van de leden van het executief comité door het benoemings- en remuneratiecomité gaat gepaard met een benchmarking van andere (niet-) genoteerde vastgoedvennootschappen en van andere niet- vastgoedvennootschappen van gelijke omvang en gelijk belang. Deze componenten worden jaarlijks geëvalueerd door het benoemings- en remuneratiecomité en getoetst op hun marktconformiteit. De vennootschap streeft naar een motiverende mix tussen een marktconforme vaste vergoeding enerzijds en een combinatie van korte- en langetermijnincentives op het niveau van de variabele vergoeding anderzijds.
VASTE VERGOEDING IN SPECIËN
Eventuele verhogingen van de vaste vergoeding worden jaarlijks besproken op het benoemings- en remuneratiecomité en worden ter goedkeuring voorgelegd aan de raad van bestuur. De vaste vergoeding van de CEO en de leden van het executief comité werd in 2024 verhoogd met ca. 1,48%.
VARIABELE VERGOEDING IN SPECIËN
Deze variabele vergoeding wordt toegekend aan de leden van het executief comité en wordt discretionair bepaald door de raad van bestuur. Het bedrag van de variabele vergoeding wordt gerelateerd aan jaardoelstellingen en is bepaald in functie van de effectieve realisatie van: kwantificeerbare criteria (die voor 80% doorwegen in het bepalen van deze vergoeding, zoals o.a. het behalen van financiële kerncijfers, het realiseren van op voorhand afgesproken projecten (bv. het behalen van een stedenbouwkundige vergunning, het tot een goed eind brengen van een (her)ontwikkelingsproject, het realiseren van (des)investeringsdossiers, EPS, bezettingsgraad)); en kwalitatieve criteria (die voor 20% doorwegen in het bepalen van deze vergoeding, o.a. de ESG doelstellingen, de interactie met de raad van bestuur en het personeel en de medewerkers van de Vennootschap, de evaluatie van en door het personeel waarvoor de leidinggevende verantwoordelijk is, het respecteren van governance en overeengekomen processen en procedures, de verbetering van interne processen, enz.). De jaarobjectieven zijn gealigneerd met de strategie van de vennootschap. De raad van bestuur vermijdt de bepaling van criteria die de CEO en de overige leden van het executief comité kunnen aanzetten om voorrang te geven aan doelstellingen op korte termijn die hun variabele vergoeding kunnen beïnvloeden, maar die een negatieve invloed kunnen hebben op de vennootschap op middellange en lange termijn. Het percentage van de variabele vergoeding kan variëren van jaar tot jaar en is geplafonneerd voor de CEO op een maximum van 50% van de jaarlijkse vaste vergoeding en voor de overige leden van het executief comité bedraagt dit plafond maximum 40% van de jaarlijkse vaste vergoeding. Het benoemings- en remuneratiecomité heeft op 4 februari 2025 de realisatie van de jaardoelstellingen met betrekking tot 2024 door de CEO en de overige leden van het huidige executief comité beoordeeld. Nextensa maakt de concrete prestatiecriteria niet bekend, aangezien dit een openbaarmaking van commercieel gevoelige informatie zou vereisen.
Vergoeding van de CEO en de overige leden van het executief comité
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
64
Gare Maritime - België
AANDELENOPTIES
Het remuneratiebeleid van de vennootschap voorziet dat als long term incentive een aandelenoptieplan kan toegekend worden aan de CEO en de overige leden van het executief comité. Het aandelenoptieplan heeft als doel de begunstigden ervan te vergoeden voor hun bijdrage aan de waardecreatie op lange termijn. De toekenning van aandelenopties is niet gebonden aan vooraf vastgelegde en objectief meetbare prestatiecriteria. De raad van bestuur beslist over de toekenning van aandelenopties aan de leden van het executief comité, op aanbeveling van het benoemings- en remuneratiecomité. De toekenning geschiedt in het kader van een aandelenoptieplan dat in oktober 2021 werd goedgekeurd door de raad van bestuur. De belangrijkste kenmerken van dit aandelenoptieplan zijn: (i) de aandelenopties worden gratis aan de begunstigden aangeboden; (ii) elke aanvaarde optie zal aan de begunstigde het recht geven om in te tekenen op één aandeel van de vennootschap met dezelfde rechten als de andere bestaande aandelen van de vennootschap; (iii) de uitoefenprijs wordt bepaald op het moment van het aanbod en zal gelijk zijn aan het laagste van de gemiddelde slotkoers van de aandelen van de vennootschap tijdens de dertig kalenderdagen voorafgaand aan de datum van het aanbod of de laatste slotkoers die voorafgaat aan de datum van het aanbod; (iv) de aandelenopties kunnen niet uitgeoefend worden gedurende een periode van drie kalenderjaren na het jaar waarin het aanbod heeft plaatsgevonden (behoudens in geval van overlijden en het bereiken van de wettelijke pensioenleeftijd), noch na een periode van acht jaar na de datum van het aanbod; en (v) de aandelenopties kunnen, behoudens in geval van overlijden, niet overgedragen worden. Het optieplan is in overeenstemming met de bepalingen van de wet van 26 maart 1999. De raad van bestuur heeft op grond van dit aandelenoptieplan 65.000 aandelenopties aangeboden aan de leden van het executief comité van de vennootschap, met volgende kenmerken:
| Aantal aangeboden en aanvaarde opties | Datum aanbod | Uitoefenprijs | Uitoefenperiode |
|---|---|---|---|
| Michel Van Geyte 30.000 | 29/11/2021 | 71,50 euro | 01/01/2025 - 29/11/2027 |
| Tim Rens 10.000 | 29/11/2021 | 71,50 euro | 01/01/2025 - 29/11/2027 |
| Olivier Vuylsteke 10.000 | 29/11/2021 | 71,50 euro | 01/01/2025 - 29/11/2027 |
| Peter De Durpel 15.000 | 11/08/2022 | 62,00 euro | 01/01/2026 - 10/08/2028 |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
65
VERZEKERINGEN EN OVERIGE VOORDELEN
De CEO geniet van een groepsverzekering van het type “vaste bijdrage” (aanvullend pensioen). De overige leden van het executief comité genieten niet van dit voordeel. De leden van het executief comité genieten niet van enig ander voordeel.
TERUGVORDERINGEN (“CLAW-BACK”- BEPALINGEN)
De overeenkomsten met de leden van het executief comité voorzien in een terugvorderingsrecht ten gunste van de vennootschap van de variabele vergoeding die werd toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens. Tijdens het afgelopen boekjaar diende geen toepassing te worden gemaakt van terugvorderingsrechten.# VERGOEDING VAN DE MEDEWERKERS
Het benoemings- en remuneratiecomité neemt kennis van de jaarlijkse voorstellen aangaande het globaal verhogingsbudget (buiten index) van de vaste vergoedingen van de personeelsleden van de Nextensa groep (dus buiten de leden van het executief comité), evenals aangaande het globaal budget van de variabele vergoedingen die aan het personeel en de medewerkers worden toegekend. Het comité interageert dienaangaande met de CEO en houdt tegelijk de raad van bestuur op de hoogte van de belangrijkste voornoemde voorstellen, op een globale en niet individuele basis. De verhouding tussen de vaste vergoeding van de CEO en het laagste bediendeloon in 2024, uitgedrukt als voltijds equivalent, bedraagt 1 op 11,67.
| in € | Basis- vergoeding | Variabele vergoeding | Groeps- verzekering | Totale vergoeding | Verhouding vaste vs variabele vergoeding |
|---|---|---|---|---|---|
| CEO boekjaar 2024 | 451.586 | 200.000 | 22.129,60 | 673.715,60 | 69% vs 31% |
| boekjaar 2023 | 445.000 | 140.000 | 22.129,60 | 607.129,60 | 76% vs 24% |
| Overige leden van het uitvoerend management boekjaar 2024 | 813.800 | 250.000 | NVT | 1.063.800 | 76% vs 24% |
| boekjaar 2023 | 800.000 | 224.000 | NVT | 1.024.000 | 78% vs 22% |
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
66
High5! - Luxemburg
JAARLIJKSE EVOLUTIE VAN DE VERGOEDING
| 2020 vs 2019 | 2021 vs 2020 | 2022 vs 2021 | 2023 vs 2022 | 2024 vs 2023 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Totale vergoeding van de niet-uitvoerende bestuurders (in %) | +31% | +71% (1) | -27% | -16% | +14% |
| Totale vergoeding van de CEO (2) (in %) | -4% | -7% | +32% | -2% | +11% |
| Gemiddelde totale vergoeding van de overige leden van het executief comité (3) (in %) | +6% | +31% | +20% | +18% | +4% |
| Gemiddelde totale vergoeding van de werknemers op basis van voltijdse equivalenten (4) (in %) | +2% | +15% (5) | +12% | +7,5% | +4,73% |
Prestatie van de vennootschap
| 31/12/2020 | 31/12/2021 | 31/12/2022 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Netto resultaat aandeel groep (€ 1.000) | 7.683 | 53.244 | 71.310 | 24.492 | -10.827 |
| Financiële schuldgraad (financiële schulden/balanstotaal) | 54,01% | 48,56% | 42,56% | 44,80% | 45,39% |
1 De verschillen tussen de vergoeding in 2020 en 2021 en 2021 en 2022 zijn voornamelijk te wijten aan het verhoogde aantal vergaderingen van de raad van bestuur in de loop van 2021, rekening houdend met de business combinatie met Extensa Group NV.
2 Michel Van Geyte & Midhan BV
3 Slechts overige leden van het uitvoerend management binnen de vennootschap sinds boekjaar 2019. Sinds boekjaar 2021: executief comité bestaande uit 3 leden (naast de CEO).
4 Dit is de gemiddelde loonkost voor Nextensa. Deze kost omvat het bruto-loon (incl. dubbel vakantiegeld en 13e maand), groeps- en hospitalisatieverzekering, laptop, GSM, bedrijfswagen, tankkaart, bonus, maaltijdcheques, forfaitaire kosten. Voor deze berekening werd de loonkost van alle werknemers van de 100% dochterondernemingen van Nextensa in aanmerking genomen.
5 Voor het bepalen van de totale vergoeding van de werknemers in 2021 werd rekening gehouden met de totale vergoeding van de werknemers van de Extensa groep voor het volledige boekjaar 2021, hoewel de Extensa groep pas deel uitmaakt van de Nextensa groep sinds midden 2021.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
67
2.10. Transacties met verbonden partijen - belangenconflicten
Overeenkomstig artikel 7:96 van het WVV, moet een bestuurder, wanneer zij/hij een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard heeft, dat strijdig is met het belang van de vennootschap naar aanleiding van een beslissing of een verrichting die tot de bevoegdheid behoort van de raad van bestuur, dit mededelen aan de andere bestuurders vóór de raad van bestuur een besluit neemt. Zijn verklaring en toelichting over de aard van dit strijdig belang worden opgenomen in de notulen van de vergadering van de raad van bestuur die de beslissing moet nemen. De raad van bestuur omschrijft in de notulen de aard van de beslissing of verrichting en de vermogensrechtelijke gevolgen ervan voor de vennootschap en verantwoordt het genomen besluit. Dit deel van de notulen wordt in zijn geheel opgenomen in het jaarverslag. De commissaris van de vennootschap dient op de hoogte te worden gesteld. De bestuurder met een belangenconflict mag niet deelnemen aan de beraadslagingen van de raad van bestuur over deze verrichtingen of beslissingen, noch aan de stemming in dat verband. De raad van bestuur verklaart, voor zover haar bekend, dat er zich in het voorbije boekjaar een belangenconflict conform artikel 7:96 WVV heeft voorgedaan in de hierna vermelde gevallen.
UITTREKSEL UIT DE NOTULEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR VAN 19 FEBRUARI 2024
Beraadslaging en besluiten
Michel Van Geyte (als vaste vertegenwoordiger van Midhan BV) verklaart, overeenkomstig artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV), een belang van vermogensrechtelijke aard te hebben dat potentieel strijdig is met het belang van de Vennootschap in het kader van de voorgestelde goedkeuring van de variabele vergoeding van het executief comité mbt 2023 en de targets voor de variabele vergoeding van het executief comité mbt 2024 (agendapunt 3).
(…)
Agendapunt 3: remuneratie
Naar aanleiding van zijn voormelde verklaring overeenkomstig artikel 7:96 WVV verlaat Michel Van Geyte (als vaste vertegenwoordiger van Midhan BV) (en met hem de overige leden van het executief comité) de vergadering bij aanvang van de beraadslaging over de volgende 2 agendapunten.
Agendapunt 3.1: variabele vergoeding executief comité 2023: ter goedkeuring
De voorzitter van het benoemings- en remuneratiecomité licht de voorgestelde variabele vergoeding van de leden van het executief comité mbt 2023 toe, op basis van de jaardoelstellingen voor de variabele vergoeding die in 2023 werden vastgelegd. Na beraadslaging keurt de raad van bestuur deze variabele vergoeding goed.
Agendapunt 3.2: targets variabele vergoeding executief comité 2024: ter goedkeuring
De voorzitter van het benoemings- en remuneratiecomité licht de voorgestelde jaardoelstellingen voor de variabele vergoeding van de leden van het executief comité mbt 2024 toe, in lijn met de principes mbt de variabele vergoeding opgenomen in het remuneratiebeleid van de Vennootschap. Na beraadslaging keurt de raad van bestuur deze principes goed en machtigt de leden van het benoemings- en remuneratiecomité, samen handelend, om deze targets verder te finaliseren.
Michel Van Geyte (als vaste vertegenwoordiger van Midhan BV) (en met hem de overige leden van het executief comité) vervoegt de vergadering opnieuw.
(…)
Artikel 7:96 WVV
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
68
Wanneer een genoteerde vennootschap een verrichting beoogt met een verbonden onderneming (onder voorbehoud van bepaalde uitzonderingen), legt artikel 7:97 WVV de oprichting van een ad-hoc-comité op van 3 onafhankelijke bestuurders, dat zich als het het nodig acht laat bijstaan door één of meerdere onafhankelijke experts; dit comité dient een gemotiveerde advies van de voorgestelde verrichting aan de raad van bestuur mee te delen, die zijn beslissing pas kan nemen na kennisname van dit advies. De commissaris maakt een verslag op over de getrouwheid van de gegevens die vermeld staan in het advies van het comité en in de notulen van de raad van bestuur. De raad van bestuur vermeldt in zijn notulen of de hiervoor omschreven procedure werd nageleefd en, in voorkomende geval, op welke gronden van het advies van het comité wordt afgeweken. Het besluit van het comité, een uittreksel uit de notulen van de raad van bestuur en het oordeel van de commissaris worden opgenomen in een persbericht dat wordt gepubliceerd op het moment dat de beslissing wordt genomen of de verrichting wordt aangegaan. De belangenconflictenprocedure van artikel 7:97 WVV werd niet toegepast tijdens het afgelopen boekjaar. In haar Corporate Governance Charter heeft de vennootschap tevens een beleid voorzien m.b.t. verrichtingen met een bestuurder die niet onder artikel 7:96 WVV vallen. Er is sprake van dergelijk belangenconflict anders dan een belangenconflict in de zin van artikel 7:96 WVV ingeval (1) een met de bestuurder nauw verbonden persoon een belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met een beslissing of een verrichting van de vennootschap of (2) een niet tot de groep behorende vennootschap waar de bestuurder of een nauw met hem/ haar verbonden persoon een bestuurs- of managementfunctie vervult, een belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met een beslissing of een verrichting van de Vennootschap, behalve indien deze verrichting of beslissing (i) aanleiding geeft tot een belangenconflict in de zin van artikel 7:96 WVV of artikel 7:97 WVV of (ii) betrekking heeft op een gebruikelijke verrichting onder marktconforme voorwaarden. Wanneer in hoofde van een bestuurder een belangenconflict anders dan een belangenconflict in de zin van artikel 7:96 WVV, bestaat met betrekking tot een materie die tot de bevoegdheid behoort van de raad van bestuur en waarover hij een beslissing dient te nemen, zal de betrokken bestuurder de overige leden van de raad van bestuur hiervan voorafgaandelijk op de hoogte brengen. Deze beslissen vervolgens of de betrokken bestuurder zich al dan niet moet onthouden van de stemming over de materie waarop het belangenconflict betrekking heeft. De betrokken bestuurder kan in dergelijk geval wel deelnemen aan de beraadslaging. In het Corporate Governance Charter wordt elke bestuurder in het bijzonder attent gemaakt op belangenconflicten die zich kunnen voordoen tussen de vennootschap, haar bestuurders, haar belangrijke of controlerende aandeelhouder(s) en andere aandeelhouders.# H1
De bestuurders die worden voorgedragen door (een) belangrijke of controlerende aandeelhouder(s) moeten zich ervan verzekeren dat de belangen en de intenties van deze aandeelhouder(s) voldoende duidelijk zijn en tijdig aan de raad van bestuur bekend worden gemaakt. De raad van bestuur handelt zodanig dat een belangenconflict of de perceptie van een dergelijk conflict wordt vermeden. Wanneer er sprake is van een substantieel belangenconflict overweegt de raad van bestuur zorgvuldig om zo snel mogelijk te communiceren over de gevolgde procedure, de belangrijkste afwegingen en de conclusies. Voor zover relevant, zijn deze bepalingen voorzien in het Corporate Governance Charter ook van toepassing op de leden van het executief comité. In het voorbije boekjaar diende dit beleid voorzien in het Corporate Governance Charter niet toegepast te worden. Artikel 7:97 WVV Belangenconflict-procedure in Corporate Governance Charter
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
69 Koninklijk Pakhuis - België
Het Corporate Governance Charter gaat verder in op de vertrouwelijkheid die van de bestuurders wordt verwacht t.a.v. de informatie verworven binnen het kader van de uitoefening van hun mandaat. De dealing code gaat in op de geheimhouding die is vereist in geval van voorwetenschap. De gedragscode medewerkers van de vennootschap behandelt daarnaast de vertrouwelijkheid waartoe zowel de leden van de vennootschapsorganen als de medewerkers gehouden zijn binnen het kader van hun beroepsactiviteiten.
Regels op het gebied van geheimhouding
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
70 Montree - Luxemburg
2.11. Inkoop van eigen aandelen
Nextensa kondigde in december 2021 aan te starten met een terugkoopprogramma van eigen aandelen voor een totaal bedrag van maximaal 4.800.000 euro ter verwerving van maximaal 65.000 aandelen binnen de grenzen van de (hernieuwde) machtiging tot inkoop van eigen aandelen, zoals verleend door de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders op 19 juli 2021. Op 25 mei 2022 waren deze 65.000 eigen aandelen aangekocht en werd het terugkoopprogramma beëindigd. Het terugkoopprogramma heeft als doel Nextensa in staat te stellen haar verplichtingen na te komen die voortkomen uit aandelenoptieplannen ten voordele van het executief comité van Nextensa. Het terugkoopprogramma is uitgevoerd door een onafhankelijke broker, overeenkomstig de toepasselijke regelgeving met betrekking tot inkoop van eigen aandelen.
Per 31 december 2024 is de situatie als volgt:
| Situatie | Aantal |
|---|---|
| Aantal ingekochte eigen aandelen: | 65.000 (0,65%) |
| Fractiewaarde per aandeel (afgerond): | 11,00 euro |
| Gemiddelde prijs per aandeel (afgerond): | 70,63 euro |
| Totale investeringswaarde: | 4.590.842,30 euro |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
71
2.12. Elementen die van aard zijn een gevolg te hebben in geval van een openbare overnamebieding
Artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt (hierna het “KB”), verplicht hen in een beheersverslag tot een opsomming van en desgevallend een toelichting bij de volgende elementen, voor zover die elementen van aard zijn een gevolg te hebben in geval van een openbare overnamebieding.
KAPITAALSTRUCTUUR
De vennootschap is een naamloze vennootschap. Haar kapitaal is verdeeld in 10.171.130 stemrechtverlenende volgestorte aandelen, zonder nominale waarde, die ieder een gelijk deel van het kapitaal vertegenwoordigen. Er is slechts één soort aandelen. Het kapitaal van de vennootschap bedraagt honderd en elf miljoen acht honderdvijftig duizend zeventien euro en veertig cent (111.856.017,40 EUR).
WETTELIJKE OF STATUTAIRE BEPERKINGEN OP DE OVERDRACHT VAN EFFECTEN
Er zijn geen wettelijke of statutaire beperkingen op de overdracht van effecten.
AANDEELHOUDERSSTRUCTUUR
Voor de transparantiekennisgevingen verwijzen wij naar de aandeelhouders zoals opgenomen in de Corporate Governance Verklaring. Nextensa heeft geen aandeelhouders die bijzondere zeggenschapsrechten genieten.
AANDELENOPTIEPLAN VOOR WERKNEMERS
De raad van bestuur van de vennootschap heeft in oktober 2021 een aandelenoptieplan voor de leden van het executief comité goedgekeurd. Dit aandelenoptieplan voorziet in de mogelijkheid voor de raad van bestuur om tevens aandelenopties toe te kennen aan geselecteerde medewerkers. Er werd nog geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid om aandelenopties toe te kennen aan medewerkers. Elke aanvaarde optie in het kader van dit aandelenoptieplan zal aan de begunstigde het recht geven om in te tekenen op één aandeel van de vennootschap met dezelfde rechten als de bestaande aandelen van Nextensa.
WETTELIJKE OF STATUTAIRE BEPERKINGEN VAN DE UITOEFENING VAN HET STEMRECHT
Ieder aandeel met stemrecht geeft recht op één stem op de algemene vergadering. De volgestorte aandelen die ten minste twee jaar ononderbroken op naam van dezelfde aandeelhouder in het register van de aandelen op naam zijn ingeschreven, verlenen overeenkomstig artikel 7:53 van het WVV evenwel een dubbel stemrecht. De termijn van twee jaar begint te lopen vanaf de datum van inschrijving van de aandelen in het register van de aandelen op naam.
Nextensa NV gebruikt de LIFO-methode (“last in, first out”) om de periode van twee opeenvolgende jaren te berekenen. Voor dezelfde aandeelhouder op naam zijn de aandelen die deze het laatst heeft verworven de eerste aandelen die bij latere overdracht of dematerialisatie in mindering zullen worden gebracht van diens globaal bezit van nominatieve aandelen van de vennootschap, tenzij het verzoek tot dematerialisatie of de overdrachtsdocumentatie uitdrukkelijk anders bepaalt. Er zijn geen andere stemrechtverlenende effecten uitgegeven. Er bestaan geen andere wettelijke of statutaire beperkingen van de uitoefening van het stemrecht.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
72
AANDEELHOUDERSOVEREENKOMSTEN
Voor zover Nextensa kennis heeft, zijn er geen aandeelhoudersovereenkomsten afgesloten.
DE REGELS VOOR DE BENOEMING EN VERVANGING VAN DE LEDEN VAN HET BESTUURSORGAAN EN VOOR DE WIJZIGING VAN DE STATUTEN VAN DE EMITTENT
De procedure die wordt toegepast bij de (her)benoeming van een bestuurder, is nader omschreven in het Corporate Governance Charter (art. 2.1.4). Voor wat betreft de bestaande afspraken inzake de samenstelling van de raad van bestuur en de geldende meerderheden binnen de raad van bestuur wordt verwezen naar de Corporate Governance Verklaring.
De algemene vergadering van de vennootschap kan over een statutenwijziging alleen dan op geldige wijze beraadslagen en besluiten, wanneer de aanwezige of vertegenwoordigde aandeelhouders ten minste de helft van het kapitaal vertegenwoordigen, onverminderd strengere wettelijke bepalingen. Een wijziging van de statuten is alleen dan aangenomen wanneer zij drie vierden van de uitgebrachte stemmen verbonden aan de aanwezige of vertegenwoordigde aandelen heeft verkregen onverminderd strengere wettelijke bepalingen.
DE BEVOEGDHEDEN VAN HET BESTUURSORGAAN, MET NAME WAT DE MOGELIJKHEID TOT UITGIFTE OF INKOOP VAN AANDELEN BETREFT
De raad van bestuur van Nextensa beschikt over bepaalde bevoegdheden inzake het recht om aandelen uit te geven of in te kopen (zie statuten). Voor wat betreft de machtiging verleent aan de raad van bestuur om over te gaan tot uitgifte van aandelen wordt verwezen naar artikel 6 van de statuten van de vennootschap. De raad van bestuur is bevoegd om het kapitaal, in één of meer malen, te verhogen met een maximumbedrag (exclusief uitgiftepremie) van honderd en negen miljoen negenhonderd zevenennegentigduizend honderdachtenveertig euro en vierendertig cent (EUR 109.997.148,34). De raad van bestuur kan deze bevoegdheid uitoefenen gedurende vijf jaar te rekenen van de bekendmaking van deze machtiging toegekend op 21 mei 2024 (d.i. 3 juni 2024). Zij is hernieuwbaar.
De raad van bestuur heeft nog geen gebruik gemaakt van de machtiging tot uitgifte van aandelen die werd toegekend op 21 mei 2024. De raad van bestuur heeft het afgelopen boekjaar éénmaal gebruik gemaakt van de machtiging tot uitgifte van aandelen die werd verleend door de buitengewone algemene vergadering van 19 juli 2021, namelijk in het kader van het keuzedividend voor het boekjaar 2023. Het eigen vermogen werd op 12 juni 2024 verhoogd met EUR 7.454.134,80 door uitgifte van 169.028 nieuwe aandelen met een uitgifteprijs van EUR 44,10 per aandeel. Het verschil tussen de fractiewaarde en de uitgifteprijs, met name EUR 5.595.265,74, werd geboekt als uitgiftepremie.
Voor wat betreft de machtiging verleend aan de raad van bestuur om over te gaan tot verkrijging (en vervreemding) van eigen effecten wordt verwezen naar artikel 11 van de statuten van de vennootschap.
BELANGRIJKE OVEREENKOMSTEN WAARBIJ DE EMITTENT PARTIJ IS EN DIE IN WERKING TREDEN, WIJZIGINGEN ONDERGAAN OF AFLOPEN IN GEVAL VAN EEN WIJZIGING VAN CONTROLE OVER DE EMITTENT NA EEN OPENBAAR OVERNAMEBOD
Het is gebruikelijk om in financieringsovereenkomsten te voorzien in een “Change of control”-clausule die de bank de gelegenheid biedt om de terugbetaling van het krediet te vragen indien de wijziging van de controle over de vennootschap een significant ongunstig effect zou hebben (“Material Adverse Effect”) op de vennootschap. Volgende banken hebben een dergelijke clausule voor controlewijziging opgenomen: ING Belgium, ING Luxembourg, KBC Bank, BNP Paribas Fortis, Belfius Bank en vdk bank.# Overeenkomsten tussen de vennootschap en haar bestuurders of werknemers die in vertrekvergoedingen voorzien in geval van een openbaar overnamebod
Er bestaan verder geen overeenkomsten tussen de vennootschap, haar bestuurders of werknemers die in vergoedingen voorzien wanneer, naar aanleiding van een openbaar overnamebod, de bestuurders ontslag nemen of zonder geldige reden moeten afvloeien of de tewerkstelling van de werknemers beëindigd wordt.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
73
Cloche d’Or - Luxemburg
Deze clausule komt ook voor in de commercial paper (ook wel genoemd “short and medium treasury notes programme”) die door de vennootschap werd aangegaan op 22 september 2021 voor € 250.000.000. Daarnaast bevat de overeenkomst inzake de private plaatsing van obligaties die op 20 november 2019 werden uitgegeven een gelijkaardige clausule die de betrokken beleggers, onder bepaalde omstandigheden, het recht geeft om de vroegtijdige terugbetaling te vragen bij een wijziging van de controle.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
74
2.13. RISICOFACTOREN
Dit hoofdstuk bevat de belangrijkste geïdentificeerde risico’s die de activiteiten van de Nextensa groep, zijn financiële situatie, resultaten en verdere ontwikkeling zouden kunnen beïnvloeden. Voor de risico’s gerelateerd aan duurzaamheid verwijzen we ook naar de materialiteitsmatrix en materialiteitsbeoordeling zoals beschreven in hoofdstuk 3 ‘Duurzaamheidsverslag’. De groep neemt de nodige maatregelen en zal dit in de toekomst blijven doen om deze risico’s zo doeltreffend mogelijk te beheren. Zie hieromtrent eveneens het hoofdstuk ‘Interne controle en risicobeheer’ in hoofdstuk 2.
De belangrijkste risico’s van de Nextensa groep zijn op te delen in volgende groepen:
- 1 Strategie
- 2 Financieel
- 3 Markt
- 4 Vastgoed
- 5 Operationeel
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
75
Hangar 26/27 - België
1 Strategie
Beschrijving: Overal ter wereld zien we dat het klimaatbeleid en de klimaatregelgeving worden aangescherpt om de economie minder afhankelijk te maken van fossiele brandstoffen en om over te schakelen naar een koolstofarmere economie. Dit kan ertoe leiden dat beperkingen worden opgelegd met betrekking tot ontwikkeling, verhuur of verkoop van gebouwen die niet aan minimumnormen voldoen. Hetzelfde geldt voor technologisch verouderde gebouwen, die mogelijks hogere onderhoudskosten of investeringsuitgaven vergen om te voldoen aan minimale efficiëntienormen en om moderne werktrends mogelijk te maken. De aanscherping van het klimaatbeleid en de klimaatregelgeving kan verschuivingen veroorzaken in de hele waardeketen van de groep, gaande van de eisen van investeerders tot die van klanten, aangezien het beschikbare kapitaal en de inkomsten erdoor kunnen dalen. Naarmate duurzaamheid een belangrijkere factor wordt in de waardering van onroerend goed, kan het voor Nextensa bovendien een uitdaging worden om onroerend goed te verkopen of te verhuren dat niet voldoet aan de duurzaamheidsnormen (bijv. koolstofbelasting, levenscyclusimpact van gebouw scope 3, EU taxonomie niet afgestemd, ...). Aangezien de klimaattransitie meer extreme weersomstandigheden met zich meebrengt, kunnen investeringen in gebouwen die niet ontworpen zijn om deze uitdagingen aan te kunnen schade oplopen, hetgeen kan leiden tot dure reparaties en mogelijke verzekeringsclaims.
Mitigatie: Als reactie op klimaatgerelateerde risico’s en veranderende ESG-normen heeft Nextensa de afgelopen jaren gewerkt aan een klimaattransitieplan, dat verder wordt toegelicht onder hoofdstuk 3 ‘Duurzaamheidsverslag’. Nextensa maakt deel uit van verschillende, gespecialiseerde sectororganisaties om voortdurend op de hoogte te blijven van ontwikkelingen in de regelgeving. Monitoring van energieprestaties van investeringsportefeuille.
KLIMAATTRANSITIE
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
76
2 Financieel
Beschrijving: Het financiële model van de groep is gebaseerd op een structurele schuldenlast. De groep financiert haar activiteiten via bankfinanciering en obligatiefinanciering. Verschillende negatieve scenario’s, zoals de verstoringen op de internationale financiële schuld- en aandelenkapitaalmarkten, een vermindering van de kredietverleningscapaciteit en/of -bereidheid van banken, een verlaging van de kredietwaardigheid van de groep, een stijging van de rentevoeten, kunnen zich voordoen, waardoor het moeilijk of zelfs onmogelijk wordt om nieuwe of (tegen gunstige voorwaarden) hernieuwde schuldfinanciering aan te trekken. Als de groep bovendien de bepalingen (verbintenissen en convenanten) van haar financieringsovereenkomsten schendt, kunnen de kredietlijnen worden geannuleerd of vervroegd worden opgeëist, of kan de groep gedwongen worden ze per direct terug te betalen. Bovendien bestaat er een risico van vervroegde beëindiging in geval van wijziging van zeggenschap over de groep, in geval van overtreding van het verbod op nieuwe zekerheidsstellingen of andere convenanten en verplichtingen van de groep en, meer in het algemeen, in geval van wanbetaling zoals vastgelegd in elk van de financieringsovereenkomsten. De materialisatie van dit risico kan leiden tot (i) de onmogelijkheid om acquisities of projecten te financieren of tot verhoogde kosten waardoor de rendabiliteit daalt, (ii) onbeschikbaarheid van financiering voor de terugbetaling van interesten, kapitaal of operationele kosten en (iii) de verhoogde kost van de schuld door hogere bancaire marges, met als gevolg impact op resultaat en cashflows. Als de groep wordt blootgesteld aan een liquiditeitsprobleem, zou zij in het slechtste geval gedwongen kunnen worden om haar activa te verkopen. Door de vervroegde opeisbaarheid van de financiering zou het voorbestaan van de groep in haar huidige vorm en met haar huidige vastgoedportefeuille dan ook in het gedrang kunnen komen.
Mitigatie: Om dit risico te beperken, onderhoudt de groep regelmatige en transparante relaties met banken. Streven naar het opbouwen van langetermijnrelaties met investeerders. Nextensa onderhoudt een conservatieve en voorzichtige financieringsstrategie met een evenwichtige spreiding van de vervaldata van schulden. Nextensa waarborgt voldoende kredietlijnen om de operationele kosten en geplande investeringen te financieren.
LIQUIDITEIT
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
77
Gare Maritime - België
Beschrijving: Als gevolg van de (aanzienlijke) financiering met schulden hangt het rendement van de groep af van de evolutie van de rentevoeten. Een stijging van de rentevoeten maakt schuldfinanciering duurder voor de groep en een langdurige periode van hoge rentetarieven kan een negatief effect hebben op de winstgevendheid van de groep. De reële waarde van de indekkingsinstrumenten is bovendien eveneens onderhevig aan de evolutie van de rentevoeten op de financiële markten. Een stijging van de rentevoeten zou een positief effect hebben op het globale resultaat en een daling van de rentevoeten zou een negatief effect hebben op het globale resultaat. Daarenboven zal het niet zeker zijn dat de groep in de toekomst de indekkingsinstrumenten vindt die ze wenst te sluiten, noch dat de voorwaarden verbonden aan de indekkingsinstrumenten aanvaardbaar zullen zijn.
Mitigatie: Om het risico van een rentestijging af te dekken, financiert de groep een deel van de schuld via vastrentende financiering. Bescherming tegen rentestijgingen door middel van afdekkingsinstrumenten. Indien de stijging van de rentevoeten het gevolg is van een hogere inflatie, is de indexering van de huurprijzen eveneens een mitigerende factor.
STIJGING VAN DE RENTE
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
78
3 Markt
Beschrijving: De inkomsten van de groep hangen in grote mate af van de huurinkomsten afkomstig uit haar investeringsportefeuille en van het volume en de verkoopwaarde van haar ontwikkelingen. In dat kader is de groep, en de vastgoedsector in het algemeen, blootgesteld aan de economische omstandigheden en andere gebeurtenissen die een invloed hebben op de markten van de investeringen en de ontwikkelingen. Een algemene vertraging op de markten van de groep, veranderingen in de belangrijkste macro-economische indicatoren, de geopolitieke omgeving of de economische cyclus en economische omstandigheden in het algemeen, of een structurele wijziging in het gedragspatroon van klanten of de maatschappij, kunnen leiden tot een lagere vraag naar vastgoed, zowel op de investeringsvastgoedmarkt en op de ontwikkelingsmarkt als in bepaalde of meerdere vastgoedsegmenten of locaties binnen die markten, wat kan leiden tot een mogelijke afname van inkomsten voor de groep en van de algemene waarde van de eigendommen in de portefeuille van de groep.
Mitigatie: Voortdurende monitoring van de cyclus van de vastgoedmarkt en mogelijke veranderende marktomstandigheden.
Algemeen
Beschrijving: De woning- en kantoormarkten hangen af van het vertrouwen van enerzijds de beleggers, zijnde de potentiële kopers van de door de groep ontwikkelde eigendommen, en anderzijds de privébedrijven, huishoudens en overheidsinstellingen, zijnde de potentiële huurders van deze eigendommen. Het residentiële vastgoedsegment hangt ook af van de financiële middelen (eigen vermogen en krediet) die de huishoudens kunnen besteden aan hun woning (koop of huur).# Een lagere vraag en risicobereidheid bij de kopers kunnen leiden tot lagere verkoopprijzen en/of meer investeringsuitgaven om projecten aan te passen, wat leidt tot lagere rendementen en marges voor de ontwikkelde projecten. Dit risico is gekoppeld aan het risico van veranderende economische omstandigheden en kan zich evenzeer voordoen in ongunstige politieke en economische omstandigheden. Als gevolg van de recente wereldwijde verstoringen van de toeleveringsketen, het aanhoudende conflict in Oekraïne en de snel stijgende rente, verkeren vastgoedinvesteerders in een afwachtende houding. Als gevolg daarvan is de verkoop van bepaalde projecten, en bijgevolg hun bijdrage aan de inkomsten van de groep, niet gerealiseerd in overeenstemming met de vooropgestelde timing.
Mitigatie: Flexibele ontwikkelingsstrategie, op basis van marktomstandigheden en vraag.
LAGERE VRAAG NAAR ONTWIKKELINGSPROJECTEN
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
79
Beschrijving: Indirect heeft een lagere retailvraag ook een impact op de participatie van 9,40% van Nextensa in de GVV Retail Estates, aangezien zijn hoofdactiviteit de verhuur van perifeer retailvastgoed betreft. Per 31 december 2024 vertegenwoordigde de participatie in Retail Estates circa 5% van het balanstotaal van Nextensa. Deze participatie wordt beschouwd als een financieel vast actief dat wordt gewaardeerd tegen reële waarde (dus tegen de aandeelprijs op de balansdatum), waarbij de waardeschommelingen worden verwerkt via de resultatenrekening conform IFRS 9. Een lagere vraag en andere omstandigheden en gebeurtenissen met een invloed op het vastgoedsegment waarin Retail Estates actief is, op de vastgoedsector in zijn geheel en op de aandelenmarkten in het algemeen kunnen dan ook resulteren in een mogelijke daling van de aandelenkoers van Retail Estates, wat op zijn beurt kan leiden tot een negatieve herwaardering van de deelneming in de resultatenrekening van Nextensa. De aandelenkoers van Retail Estates kan worden beïnvloed door veranderingen, ontwikkelingen of publicaties rond Retail Estates of de nichemarkt waarin het actief is; of meer in het algemeen door bepaalde politieke, economische, monetaire of financiële factoren met een impact op de aandelenmarkten.
Mitigatie: Vertegenwoordiger van Nextensa zetelt in raad van bestuur van Retail Estates NV, teneinde activiteiten en resultaten permanent te monitoren.
LAGERE VRAAG NAAR RETAILVASTGOED
Beschrijving: De inkomsten van de groep en de waarde van haar investeringsportefeuille hangen sterk af van het type vastgoed waar haar portefeuille uit bestaat (kantoren, retail en overige (logistiek, evenementen, parkings)) en de ligging ervan (Groothertogdom Luxemburg, België en Oostenrijk). In een context van een lagere vraag kunnen de huurinkomsten en cashflow van de investeringsportefeuille getroffen worden door een toenemende leegstand, lagere huurgelden en hogere investeringsuitgaven of andere commerciële toezeggingen, zoals huurvrije periodes om nieuwe huurders aan te trekken of bestaande huurdersrelaties in stand te houden. Dat heeft een direct negatief effect op de inkomsten van de groep en indirect op de waarde van de investeringsportefeuille van de groep.
Mitigatie: Investeringsstrategie gericht op gebouwen van hoge kwaliteit die stabiele langetermijn- inkomsten genereren, ingebed in een plan met welomschreven richtlijnen en rendementsverwachtingen.
LAGERE VRAAG NAAR INVESTERINGSPORTEFEUILLE
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
80
4 Vastgoed
Beschrijving: De reële waarde van de investeringsportefeuille is onderhevig aan schommelingen als gevolg van onder andere exogene factoren waar de groep geen controle over heeft, en die een negatieve impact kunnen hebben op het nettoresultaat van de groep. De reële waarde van de investeringsportefeuille van de groep wordt jaarlijks per 30/06 en per 31/12 geschat en de eventuele schommelingen in waarde wordt verwerkt overeenkomstig IAS 40. Zie hoofdstuk 4 “vastgoedverslag” van dit jaarverslag voor een overzicht van de investeringsportefeuille van de groep per 31 december 2024 en hoofdstuk 5 “Geconsolideerde financiële staten” met betrekking tot de waardering van de investeringsportefeuille van de groep door externe vastgoedwaarderingsexperten. Deze schommelingen zijn het gevolg van diverse factoren. Sommige van deze factoren zijn van exogene aard en de groep heeft daar dan ook geen controle over, zoals een afnemende vraag op de submarkten waarin de groep actief is, de bezettingsgraad, wijzigingen in de rente en in het verwachte beleggingsrendement of een wijzigingen in de wettelijke vereisten (inzake duurzaamheid en fiscaliteit: transactiekosten en/of de toepasselijke belastingstelsels van vastgoedtransacties). Daarnaast kan de waardering van de investeringsportefeuille ook beïnvloed worden door een aantal kwalitatieve factoren, zoals de gemiddelde ouderdom van een pand, de commerciële positionering, de vereisten inzake investeringsuitgaven en duurzaamheid. De impact van een daling van de reële waarde is een daling van het eigen vermogen van de groep wat een negatieve impact heeft op de schuldgraad.
Mitigatie: Capex-strategie op lange termijn om de kwaliteit van de investeringsportefeuille op een hoog niveau te houden en te evolueren naar een portefeuille die gealigneerd is met de EU taxonomy teneinde tegen 2050 de uitstoot van haar investeringsportefeuille tot netto-nul te reduceren. De vastgoedportefeuille wordt door onafhankelijke deskundigen 2 keer per jaar geëvalueerd om zo trends te identificeren en tijdig proactieve maatregelen te kunnen nemen.
DALING VAN DE REËLE WAARDE INVESTERINGSPORTEFEUILLE
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
81
PROJECTONTWIKKELING
Beschrijving: De activiteiten zouden verder nadelig kunnen worden beïnvloed als de groep er niet in slaagt de nodige vergunningen te verkrijgen, te behouden of te verlengen, of als deze vergunningen bezwarende verplichtingen inhouden. Alle ontwikkelingen hangen af van het verkrijgen van de stedenbouwkundige, bouw- en milieuvergunningen en staan dus bloot aan het risico dat de vereiste vergunningen voor de bouw of omschakeling van een pand en de uitoefening van activiteiten niet worden verleend of worden betwist. Het niet of laat verkrijgen van dergelijke vergunningen tegen redelijke voorwaarden kan een nadelige impact hebben op de activiteiten van de groep. Bovendien moet de groep diverse stedenbouwkundige voorschriften naleven die door de bevoegde autoriteiten of administraties kunnen worden gewijzigd. Daarnaast kan de groep geconfronteerd worden met diverse andere onzekerheden inzake de vergunningen in verband met haar ontwikkelingen, zoals mogelijk verzet van buurtcomités of andere derden tegen bepaalde ontwikkelingen, onduidelijke wetgeving, mogelijk moeizame samenwerking met (lokale) autoriteiten, de interpretatie van vergunningsvoorwaarden en in het algemeen de hogere complexiteit van multifunctionele stedelijke ontwikkelingen.
Mitigatie: Intensieve dialoog en pro-actieve samenwerking met de stakeholders (overheden, omwonenden, klanten) in zowel voorbereidende als uitvoerende fase van ontwikkelingen. Continue monitoring van de geldende wet- en regelgeving door inhouse specialisten, aangevuld met externe gespecialiseerde consultants waar nodig. Langetermijnpartnerships met architecten en bouwpartners.
Vergunningen - Stedenbouw
Beschrijving: De bouw en ontwikkeling van de ontwikkelingen kunnen vertraging oplopen of gevaar lopen door uiteenlopende factoren, zoals de extreme weersomstandigheden (bv. stormen, overstromingen, etc), ongevallen op de bouwplaats, arbeidsgeschillen of tekort aan (duurzame) bouwmaterialen. De groep kan bovendien extra kosten oplopen bij de bouw en ontwikkeling van haar projecten boven de oorspronkelijke ramingen, bijvoorbeeld in geval van hogere materiaal- en loonkosten en andere verwante kosten. Hierdoor kan er dus onzekerheid heersen over de vraag of een bepaald ontwikkelingsproject kan worden opgeleverd binnen het verwachte tijdsbestek en/of het verwachte budget, of zelfs of het überhaupt kan worden ontwikkeld. Deze risico’s gelden ook bij de herontwikkelingsprojecten in de investeringsportefeuille en zij kunnen leiden tot lagere huurinkomsten of het uitstel of verlies van verwachte huurinkomsten.
Mitigatie: Langetermijnpartnerships met bouwpartners, met aandacht voor solvabiliteit en kwaliteit. Invoering van controlesystemen voor kostenopvolging. Beroep op gespecialiseerde medewerkers.
Externe factoren tijdens de bouwfase
Ontwikkelingen zijn doorgaans onderhevig aan diverse risico’s, die elk kunnen leiden tot een late oplevering van een project en zo de ontwikkelingsperiode tot de beoogde verkoop of verhuur langer kunnen maken, of tot een budgetoverschrijding, een verlies of een daling van verwachte inkomsten uit een project of zelfs, in sommige gevallen, tot de definitieve beëindiging ervan.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
82
5 Operationeel
Beschrijving: De inkomsten van de groep hangen in grote mate af van de (recurrente) huurinkomsten afkomstig uit haar investeringsportefeuille. Als de groep er niet in slaagt bepaalde huurovereenkomsten af te sluiten (of te behouden), vormt dat een belangrijk bedrijfsrisico. De groep is blootgesteld aan het risico van verlies van huurinkomsten in het kader van het vertrek van de huurders vóór of bij het aflopen van lopende contracten, met het extra risico in verband met het sluiten van nieuwe overeenkomsten met nieuwe huurders.# Duurzaamheidsverslag
3.1. Algemene informatie
Basis voor voorbereiding
Dit jaar stappen we voor het eerst over van het Global Reporting Initiative (GRI) naar vrijwillige rapportering volgens de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). Ons duurzaamheidsverslag over 2024, dat de periode van 1 januari tot 31 december bestrijkt, is een belangrijke stap op weg naar naleving van de European Sustainability Reporting Standards¹. Omdat dit het eerste jaar is dat we rapporteren volgens het CSRD-raamwerk, introduceren we een schat aan nieuwe gegevenspunten. Dit jaar richten we ons op wat er echt toe doet: de materiële duurzaamheidsonderwerpen die als materieel zijn geïdentificeerd via onze dubbele materialiteitsanalyse van 2023 en de input van belanghebbenden. In overeenstemming met ESRS hebben we de impacten, risico’s en kansen van onze verschillende activiteiten in de waardeketen onderzocht². Deze beoordeling indentificeerde “Energie- en emissiemanagement“ als belangrijkste en enige materiële onderwerp. Andere onderwerpen kwamen niettemin naar voren als thema’s waarop Nextensa moet focussen. Deze onderwerpen worden tevens gerapporteerd maar buiten het kader van de ESRS-richtlijnen. Omdat we dit jaar overstappen van GRI- naar CSRD-rapportage, gebruiken we de ESRS 2- en E1-standaarden. Om onze belanghebbenden op de hoogte te houden, zullen we ook updates geven over andere belangrijke ESG-onderwerpen en de vooruitgang die we het afgelopen jaar hebben geboekt benadrukken. Dit verslag heeft betrekking op Nextensa NV en haar dochterondernemingen, met uitzondering van joint ventures, en stemt overeen met de perimeter van onze jaarrekening³. Alle dochterondernemingen werden opgenomen in de individuele of geconsolideerde rapportering. Tot slot hebben we ervoor gezorgd dat er niets is weggelaten uit het verslag. Er is geen informatie over intellectueel eigendom, knowhow of de resultaten van innovatie weggelaten in dit duurzaamheidsverslag en we hebben geen gebruik gemaakt van uitzonderingen voor het niet openbaar maken van op handen zijnde ontwikkelingen of zaken waarover we in onderhandeling zijn⁵.
Risicobeheer en interne controles voor rapportage
Het voorbereidende traject richting duurzaamheidsrapportage begint met een duidelijke focus: gegevensverzameling. Dit proces is een gezamenlijke inspanning van alle afdelingen, met het ESG-comité voorop om de consistentie en nauwkeurigheid van gegevens in de hele organisatie te waarborgen.
Dat resulteert in de volgende risico’s:
* het risico van verlies en/of daling van huurinkomsten;
* het risico van druk op de huurgelden en heronderhandeling van huurovereenkomsten;
* het risico van hogere kosten tijdens de leegstandsperiode;
* het risico van hogere investeringsuitgaven of andere commerciële toezeggingen om nieuwe huurders aan te trekken;
* het risico van afname van de reële waarde van de gebouwen.
Mitigatie: Intern property managementteam en commerciële teams. Gediversifieerd klantenbestand met beperkte blootstelling aan één huurder. Gediversifieerde activaklassen met beperkte blootstelling aan één sector. Voorkeur voor realistische huurniveaus en langlopende huurcontracten.
LEEGSTAND
Beschrijving: De groep kan niet uitsluiten dat haar huurders vanwege hun financiële situatie in gebreke zullen blijven wat hun financiële verplichtingen tegenover de groep betreft. Het risico bestaat dat, als de betrokken huurders hun financiële verplichtingen tegenover de groep niet nakomen, de huurwaarborg niet volstaat en dat de groep, ook al kan zij herstel eisen van de huurder, toch het risico loopt niet het volledige verschuldigde bedrag van de huurder te verkrijgen. Daarnaast brengt de opvolging van debiteuren extra interne en externe kosten met zich mee (ingebrekestellingen verzenden, dagvaardingen, gerechtskosten). Indien de betrokken huurders in gebreke blijven voor een lange termijn zullen deze overeenkomsten uiteindelijk voortijdig eindigen, waardoor er gedurende de periode waarin een nieuwe huurder dient te worden gevonden geen huurinkomsten zijn. Een verlies van huurinkomsten kan ook een negatieve impact hebben op de waardering van het betrokken pand.
Mitigatie: Strikte interne procedure voor facturatie en huurincasso. Huurstrategie gericht op langetermijncontracten met hoogwaardige, stabiele, solvabele huurders en klantendiversificatie in de gehele vastgoedportefeuille.
SOLVABILITEIT VAN HUURDERS
Beschrijving: In het kader van haar ontwikkelings- of renovatieactiviteiten is de groep onderhevig aan het risico dat een tegenpartij, zoals een aannemer, een architect, een andere dienstverlener of een koper van een vooraf verkocht project, haar contractuele verplichtingen niet of te laat vervult. Een dergelijk onvermogen van een tegenpartij om haar contractuele verplichtingen na te komen kan een impact hebben op de planning van de groep, haar vermogen om haar eigen contractuele verplichtingen na te komen, mogelijke procesvoering en uiteindelijk ook op haar resultaten. In het kader van haar bedrijfsstrategie streeft de groep actief naar gezamenlijke investeringen met derde partijen, en het is haar bedoeling ook in de toekomst onroerende goederen te blijven kopen en ontwikkelen in joint ventures of partnerships met andere actoren op de vastgoedmarkt aan te gaan. De gezamenlijke eigendom of ontwikkeling van onroerende goederen kan, in bepaalde omstandigheden, extra risico’s met zich meebrengen, zoals (i) de mogelijkheid dat de groep verplichtingen oploopt als gevolg van acties van een dergelijke partner of mede-investeerder en (ii) het feit dat de partners of mede-investeerders in de venture van mening kunnen verschillen over de ontwikkeling of verkoop van eigendommen van de venture, zijn strategie of zijn beheer, of over hun rechten bij de beëindiging of overdracht van de venture. In het kader van deze regelingen is de groep mogelijk niet in staat om exclusieve zeggenschap over de venture uit te oefenen, en in bepaalde omstandigheden kan een meningsverschil met een partner of mede-investeerder leiden tot een impasse die een nadelige impact kan hebben op de waarde van de betrokken activa, de activiteiten en de winstgevendheid van de joint venture of het partnership en uiteindelijk ook op de financiële positie van de groep.
Mitigatie: Hanteren kwaliteitsnormen voor tegenpartijen (onder andere met betrekking tot solvabiliteit en betrouwbaarheid). Diversificatie van tegenpartijen. Monitoring prestaties tegenpartijen. Verplichting voor onze partners om zich te aligneren met minimumgedragsnormen in Gedragscode Partners van Nextensa. Implementatie van duurzaam aankoopbeleid leveranciers, dienstverleners en andere partners van Nextensa teneinde hen te betrekken als belangrijke stakeholders voor het bereiken van onze doelstellingen op het gebied van duurzaamheid.
TEGENPARTIJRISICO
Beschrijving: De prestaties, het succes en het vermogen om de strategische doelstellingen van de groep te verwezenlijken, hangen af van de aantrekking en het behoud van management en personeel met ervaring in de vastgoedactiviteiten van de groep. Rekening houdend met de relatief kleine omvang van het team, zou het verlies van slechts enkele sleutelpersonen een wezenlijk nadelig effect kunnen hebben op het vermogen van de groep om haar activiteiten effectief te beheren en haar strategie uit te voeren, en kan het aanleiding geven tot een negatieve perceptie door de markt of de sector.
Mitigatie: Aanbieden van concurrerende vergoedingen, opleidingen en voordelen. Ontwikkelen en handhaven van cultuur van emancipatie van personeel en bevordering van de ondernemingsgeest.
MENSELIJK KAPITAAL RISICO’S IN VERBAND MET REGELGEVING
Beschrijving: De groep is actief in een zeer complex regelgevingskader, waar het blootstaat aan onzekerheid vanwege de interpretatie van de regelgeving en wijzigingen daarin, betreffende zowel haar eigen werking als genoteerd vennootschap, haar investeringsportefeuille als haar ontwikkelingen. Nieuwe (Europese, nationale, federale, gewestelijke of lokale) regels of wijzigingen in de bestaande regelgeving of een gewijzigde toepassing en/of interpretatie van dergelijke regels door de overheid (met inbegrip van de belastingautoriteiten) of de rechtbanken, kunnen een impact hebben op de activiteiten en financiële resultaten van de groep, en op de reële waarde van haar activa. De groep is actief in België, Groothertogdom Luxemburg en Oostenrijk, en is dan ook belastingplichtig in deze drie rechtsgebieden. De belastingdruk op de groep hangt specifiek af van de interpretatie van de lokale belastingregels in elk van deze rechtsgebieden. Wijzigingen in deze belastingstelsels, of nieuwe belastingen (zoals de (toekomstige) heffing van CO2-uitstootgerelateerde belastingen op gebouwen als deze niet aan bepaalde eisen voldoen) kunnen een impact hebben op de belastingdruk van de groep.
Mitigatie: Strikte interne controleprocedures, zie hoofdstuk ‘Corporate Governance Verklaring’. Continue monitoring van wettelijke vereisten en de naleving ervan, bijgestaan door gespecialiseerde externe consultants.# Over het Duurzaamheidsverslag van dit jaar
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
87
l 6 ESRS 2-GOV5-36 a l 7 ESRS 2-GOV5-36 b c 8 ESRS 2-GOV5-36 e l 9 ESRS 2-GOV5-36 d
Montree - Luxemburg
We verzamelen al uitgebreide gegevens, maar het uitbreiden van de dekkingsgraad blijft een voortdurend werk. Automatisering, verbeterde kruiscontroles en een betere gegevenskwaliteit zullen ons helpen om onze aanpak in de loop van de tijd te verfijnen en te versterken. Schattingsmethoden worden intern gecontroleerd op nauwkeurigheid en we pakken proactief uitdagingen aan bij het verzamelen van gegevens over de waardeketen van zowel upstream- als downstreamactiviteiten om effectief te voldoen aan de openbaarmakingsverplichtingen.
6 In 2023 hebben we een gap-analyse uitgevoerd tussen het Global Reporting Initiative (GRI) en de European Sustainability Reporting Standards (ESRS) om te beoordelen of we klaar zijn voor naleving van de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). Hieruit bleek dat er belangrijke hiaten waren in de beschikbaarheid en volledigheid van gegevens voor specifieke vereisten. Om deze hiaten op te vullen, heeft het ESG-comité bijvoorbeeld gewerkt aan een klimaattransitieplan en aan het afstemmen van de broeikasgasreductiedoelstellingen op de Akkoorden van Parijs, samen met andere maatregelen zoals samenwerking met andere teams om de gegevensverzamelingsprocessen te verfijnen en het interne beleid te versterken, zodat het voldoet aan zowel de wettelijke normen als de organisatorische doelstellingen.
7 De inzichten uit onze gap-analyse, die risico’s en hiaten in de rapportage aan het licht brachten, werden omgezet in een duidelijk actieplan om volledige naleving van het ESRS in onze volgende verslaggevingscyclus te garanderen. Als het gaat om de betrokkenheid van het management bij duurzaamheidsrapportage, informeert het ESG-comité het Executief comité tijdens de maandelijkse vergaderingen over de voortgang die wordt geboekt bij de voorbereiding van de rapportage en houdt de Raad van Bestuur toezicht op de uiteindelijke output voordat deze wordt gepubliceerd.
8 In 2025 zal onze duurzaamheidsrapportage een beperkte mate van zekerheid (‘limited assurance’) krijgen van externe auditors, wat een nieuwe laag van robuustheid toevoegt. Daarnaast zetten we ons in om de dubbele materialiteitsanalyse die we in 2023 hebben uitgevoerd in 2026 opnieuw te doorlopen om de impact van de genomen maatregelen te evalueren, waardoor de betrouwbaarheid van onze duurzaamheidsverklaring verder toeneemt.
9 Door strenge controles, samenwerking tussen afdelingen en een streven naar voortdurende verbetering te combineren, zorgen we ervoor dat onze duurzaamheidsrapportage allesomvattend en nauwkeurig is en onze prestaties weerspiegelt.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
88
10 ESRS 2-GOV1-22 a l 11 ESRS 2-GOV1-22 c i 12 ESRS 2-GOV1-22 a l 13 ESRS 2-GOV1-22 d
De samenstelling en rol van het management
In hoofdstuk 2 “Jaarverslag” geven we een uitgebreid overzicht van onze bestuursstructuur. Dit omvat de gedetailleerde profielen van onze bestuursleden, waarin hun sectorspecifieke expertise en belangrijkste kwalificaties worden belicht.
10 We schetsen ook de hiërarchie binnen ons hoger management, waardoor we een duidelijk beeld geven van hoe leiderschap en besluitvorming zijn georganiseerd. Als het gaat om duurzaamheidsmanagement rekent onze RvB op het ESG- comité om de impacts, risico’s en opportuniteiten (IRO’s) te beheren. Het comité vertaalt deze in concrete projectvoorstellen, die vervolgens ter goedkeuring worden voorgelegd aan het executief comité. Het Executief comité, dat werkt binnen de krijtlijnen van de Raad van Bestuur, houdt toezicht op de dagelijkse activiteiten en keurt de budgetten goed voor IRO-gerelateerde projecten en zorgt ervoor dat ze in lijn zijn met de strategische doelstellingen van het bedrijf.
11 Het ESG-comité van Nextensa stimuleert duurzaamheid door het monitoren, beheren en overzien van materiële impacts, risico’s en opportuniteiten. Het bestaat uit vier leden: Valérie Vanderveken, Project Manager ESG; Tim Van Dorpe, Energy Manager; Jan Bergé, Head of Property management en Trees Verhoogen, Project & Sustainability Manager.
12 Het comité adviseert het management, vertaalt duurzaamheidsstrategieën in uitvoerbare plannen, stelt doelen en zorgt ervoor dat er gegevens worden verzameld en gemonitord door alle interne teams. Het ontwikkelt ook hulpmiddelen, zoals de “asset fiche” en documenten voor projectontwikkeling waaronder de “development fiche”, om afdelingen te ondersteunen bij het behalen van duurzaamheidsdoelen.
13 Het comité wijst budgetten toe voor het automatiseren van gegevensintegratie en rapporteert elk half jaar aan het Executief comité en de Raad van Bestuur over de voortgang van de doelstellingen en eventuele uitdagingen.
3.1.2. De bestuursstructuur van Nextensa op het gebied van duurzaamheid
- Valérie Vanderveken - Project Manager ESG
- Jan Bergé - Head of Property
- Trees Verhoogen - Project & Sustainability Manager
- Tim Van Dorpe - Energy Manager
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
89
14 ESRS 2-GOV1-22 c ii l 15 ESRS 2-GOV1-22 c iii l 16 ESRS 2-GOV1-22 b l 17 ESRS 2-GOV1-23 a b 18 ESRS 2-GOV2-26 c l 19 ESRS 2-GOV2-26 a l 20 ESRS 2-GOV2-26 b
Duurzaamheidsinformatie voor het management
Tijdens deze verslaggevingsperiode concentreerde het ESG-comité van Nextensa zich op het aanpakken van belangrijke materiële impacts, risico’s en opportuniteiten in verband met ons enige materiële onderwerp “Energie & Emissiemanagement”, geïdentificeerd via onze dubbele materialiteitsanalyse, gelijkwaardig aan E1 ‘Klimaatmitigatie en Energie’ in het ESRS-raamwerk. De materiële IRO’s, opgesomd in de onderstaande tabel op pagina 99 18 , werden vertaald in uitvoerbare projecten en meetbare doelstellingen, die werden afgestemd met het Executief comité en goedgekeurd door de Raad van Bestuur.
19 Regelmatige evaluaties zorgden voor afstemming op langetermijndoelstellingen, verwachtingen van belanghebbenden en regelgevende kaders, waardoor effectieve besluitvorming werd gestimuleerd. In 2024 hebben we ons sterk gericht op het aanpakken van onze belangrijke IRO’s door middel van ons transitieplan voor klimaatverandering, dat een belangrijke drijfveer werd voor het vormgeven van investeringen en ontwikkeling.
20 Duurzaamheidsgerelateerde prestaties in incentiveprogramma’s
Voor informatie over incentiveprogramma’s voor het management en hoe duurzaamheidsdoelen worden geïntegreerd, zie het remuneratierapport in het hoofdstuk “Vergoeding van de CEO en andere leden van het Executief comité“. Maandelijkse vergaderingen met het Executief comité zorgen voor continu toezicht en afstemming.
14 Als onderdeel van haar voortdurende inspanningen zorgt het ESG-comité ervoor dat specifieke controles en procedures worden toegepast voor het beheer van materiële duurzaamheidseffecten, -risico’s en -kansen, terwijl deze worden afgestemd op de algemene strategie en het nalevingskader van het bedrijf 15 . De rol van het ESG-comité bij het beheren van de impact, risico’s en mogelijkheden is nog niet expliciet vastgelegd in het Governance Charter, de bestuursmandaten of het gerelateerde beleid. Het comité heeft echter een duidelijke interne structuur en kader om zijn verantwoordelijkheden effectief uit te voeren.
16 Als het gaat om kennis over duurzaamheid, toont het management een sterke betrokkenheid bij duurzaamheid door de expertise van het ESG-comité en de samenwerking tussen afdelingen. Het ESG-comité brengt gespecialiseerde kennis in die nodig is om belangrijke IRO’s te beheren op het gebied van energie, emissiemanagement, circulariteit, veerkracht en naleving van regelgeving, en zorgt ervoor dat duurzaamheid wordt geïntegreerd in de bedrijfsactiviteiten. Om in te spelen op veranderende duurzaamheidseisen organiseert het comité op maat gemaakte “ESG Deep Dives” voor afdelingen, waarbij acties worden afgestemd op rollen en verantwoordelijkheden. Nextensa werkt ook samen met externe deskundigen en evenementen in de sector, zoals de EU Taxonomie commissie van USPI (Union Professionnelle du Secteur Immobilier) / BVS (Beroepsvereniging van de Vastgoedsector) of de C-Change Summit, een door de ULI (Urban Land Institute) geleid programma om het Europese vastgoed te mobiliseren om CO2-arm te worden, om de beste praktijken en veranderingen in de regelgeving voor te blijven en om continu leren en geïnformeerde besluitvorming te bevorderen.
17
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
90
21 ESRS 2-SBM1-40 e
Monteco - België
Als belangrijke speler in de sector Real Estate & Services 27 is onze bedrijfsstrategie gericht op een transparante ESG-aanpak (Milieu, Sociaal en Governance), met als doel een substantiële positieve bijdrage te leveren aan vier Sustainable Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties: Betaalbare en schone energie, Duurzame steden en gemeenschappen, Verantwoorde productie en consumptie, en Klimaatactie. Binnen deze strategie, die duidelijk wordt omschreven in onze slogan “places you prefer” staan gebouwen, onze kernactiviteit, centraal. Deze gebouwen passen in omgevingen die op hun beurt gemeenschappen en de maatschappij beïnvloeden, evenals de individuen die hier actief zijn. De duurzaamheidsstrategie van Nextensa is daarom gebaseerd op deze 3 pijlers:
- (Her)ontwikkeling van klimaatadaptieve gebouwen die het energie- verbruik minimaliseren en hernieuwbare energiebronnen gebruiken.
- Het creëren van duurzame samenlevingen met levendige, multifunctionele buurten die voorrang geven aan zachte mobiliteit en groene ruimten.# Duurzaamheidsverslag
Investeren in menselijk kapitaal door groei en samenwerking tussen belanghebbenden te stimuleren. Door middel van deze drie pijlers laat de duurzaamheidsstrategie van Nextensa zien welke milieu-, sociale en bestuurlijke factoren de organisatie intrinsiek belangrijk vindt om in overweging te nemen binnen de huidige en toekomstige bedrijfsvoering van Nextensa:
Milieu: Onze portfolio koolstofvrij maken en duurzame ontwikkeling
Bij Nextensa streven we ernaar om onze portefeuille koolstofvrij te maken met een duidelijk doel om tegen 2050 een netto-nul-uitstoot te bereiken. Dit omvat het verbeteren van de energieprestaties van onze gebouwen, het verminderen van de CO2-voetafdruk van bouwmaterialen en het minimaliseren van onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Energie- en emissiemanagement staan centraal in onze strategie, in overeenstemming met ons materiële onderwerp ESRS E1 en de doelstelling “Klimaatmitigatie” van de EU Taxonomie. Onze initiatieven zijn bedoeld om de wereldwijde uitstoot te verminderen en de overgang naar hernieuwbare energie in al onze projecten te stimuleren.
21
3.1.3. Marktpositie, strategie en bedrijfsmodel
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
91
22
Nextensa’s mensen
Actief in Europa, met name in België, Luxemburg en Oostenrijk, erkennen we onze verantwoordelijkheid om het hoge energieverbruik en de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen in de vastgoedsector aan te pakken. Daarom hebben onze doelstellingen om onze portefeuille koolstofvrij te maken en duurzame activa te ontwikkelen betrekking op al onze activiteiten, diensten, geografische gebieden, klanten en belanghebbenden.
22
Sociaal: Nextensa’s mensen
De belangrijkste troef van Nextensa is haar eigen personeel. De mensen van Nextensa vormen het hart van het bedrijf. Het bedrijf zet zich in om een positieve en inclusieve werkomgeving te creëren waar werknemers zich gewaardeerd en gemotiveerd voelen. Nextensa investeert in de professionele ontwikkeling van zijn personeel door middel van permanente leermogelijkheden en initiatieven voor loopbaanontwikkeling. Het bedrijf stimuleert ook een cultuur van samenwerking en innovatie en moedigt werknemers aan om hun ideeën en expertise in te brengen. Door prioriteit te geven aan het welzijn en de betrokkenheid van werknemers wil Nextensa een toegewijd en goed presterend personeelsbestand opbouwen dat de motor is achter het succes van het bedrijf.
Samenwerken met klanten en belanghebbenden
Bij Nextensa is de dialoog met klanten en belanghebbenden essentieel om onze duurzaamheidsstrategie vorm te geven en hen te betrekken bij het behalen van onze duurzaamheidsdoelstellingen. We onderhouden een voortdurende dialoog met huurders, bewoners, lokale gemeenschappen, leveranciers en investeerders door middel van raadplegingen, enquêtes en jaarlijkse bijeenkomsten om inzicht te krijgen in hun behoeften en ambities. Deze inzichten helpen ons bij het identificeren van belangrijke duurzaamheidsthema’s, het opschalen van inspanningen in de waardeketen en het bepalen van toekomstige prioriteiten.
23
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
92
24
25
26
27
Cloche d’Or - Luxemburg
Governance: Belangrijke projecten en afstemming met klanten
Onze spraakmakende projecten, die in het activiteitenverslag worden beschreven, laten zien hoe Nextensa zich inzet voor duurzame ontwikkeling en de EU Taxonomie. Deze projecten omvatten de overgang naar hernieuwbare en fossielvrije energiesystemen, groene bouwcertificeringen, innovatieve ontwerpen en energie-efficiënte voorzieningen die de impact op het milieu verminderen. Ons klantenbestand, dat waarde hecht aan duurzaam en energiezuinig vastgoed, staat centraal in onze aanpak. Door ons te richten op partnerschappen voor hernieuwbare energie en energiegemeenschappen zorgen we ervoor dat onze ontwikkelingen voldoen aan de groeiende vraag naar duurzame ruimtes die in lijn zijn met de regelgeving en de verwachtingen van de klant.
24
Uitdagingen en oplossingen
Bij het nastreven van onze ambitieuze duurzaamheidsdoelen erkennen we de uitdagingen van het vinden van een balans tussen verantwoordelijkheid voor het milieu en financiële veerkracht. Het effectief beheren van budgetten en tegelijkertijd de inspanningen op het gebied van decarbonisatie en energietransitie bevorderen, vereist een strategische vooruitziende blik. Om deze uitdagingen aan te gaan, richten we ons op een aantal belangrijke oplossingen, waaronder:
- Gestandaardiseerde meetmethoden en transparante rapportage die voldoen aan de CSRD-regelgeving: Ervoor zorgen dat onze ESG-gegevens coherent en vergelijkbaar zijn en tastbare vooruitgang communiceren naar investeerders en belanghebbenden.
- Betrokkenheid van belanghebbenden: Alle relevante belanghebbenden betrekken om het eens te worden over duurzaamheidsprioriteiten en de communicatie over onze doelen te verbeteren.
- Energie- en emissiemanagement: Ons richten op het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen en het verbeteren van de energieprestaties in onze hele portefeuille.
- Materialiteit in kaart brengen: Voortdurend verfijnen van onze duurzaamheidsstrategie door middel van materialiteitsanalyse en om ervoor te zorgen dat we de meest invloedrijke kwesties aanpakken.
25
We bekomen materiële input van een netwerk van betrouwbare leveranciers die ons streven naar kwaliteit en duurzaamheid delen. Als het aankomt op mensen, zorgen we ervoor dat we de beste experts in de industrie inhuren en met hen samenwerken. We halen toptalent binnen om innovatie en uitmuntendheid in elk project te stimuleren
26
. Het resultaat van onze inspanningen zijn duurzame gebouwen, of het nu gaat om nieuwbouw, renovatie of het beheer van bestaande gebouwen. Deze gebouwen, woon-, commerciële of kantoorruimtes, zijn ontworpen om te voldoen aan de hoogste duurzaamheidsnormen, om tegemoet te komen aan de behoeften van onze klanten en tegelijkertijd onze belofte aan investeerders na te komen voor een positieve impact op de lange termijn
27
.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
93
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
3.1.4. Dubbele materialiteitsanalyse van Nextensa
Graph legend
9 Nextensa’s people
10 Partnerships & Co-creation in the Value Chain
11 Exemplary Governance
Human Capital
1 Energy & Emission Management
2 Water Management
3 Circularity
4 Innovation & Technology
5 Healthy & Resilient Buildings
Climate-adaptive buildings
6 Biodiversity
7 Lively Neighbourhoods
8 Waste Stream Management
Sustainable Society
Nextensa’s Double Materiality Matrix
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
94
In 2023 voerde Nextensa zijn dubbele materialiteitsanalyse uit in samenwerking met Greenfish, onderdeel van Accenture
28
, met als doel de belangrijkste ESG-impact, -risico’s en -kansen te identificeren. Het proces begon met een uitgebreid onderzoek, de analyse van de regelgeving en een benchmarking tegen opzichte van standaarden zoals SASB, MSCI, GRESB, EPRA en ESRS. Op basis hiervan ontwikkelden we een gerichte shortlist van 11 potentiële materiële onderwerpen, die werden gevalideerd door het ESG-comité, het Executief comité en de Raad van Bestuur. Vervolgens hebben we deze onderwerpen in onze waardeketen in kaart gebracht, waarbij we in elke fase verschillende invloeden, risico’s en kansen hebben geïdentificeerd
29
.
Voor de materialiteit van de impact werden positieve en negatieve invloeden geïdentificeerd en beschreven aan de hand van een scoremethodologie die is afgestemd met ons perspectief. We zorgden ervoor dat het proces de realiteit van de drie landen waar we actief zijn (België, Luxemburg en Oostenrijk) weerspiegelde door IRO’s te ontwikkelen die relevant en aanpasbaar zijn in al onze markten
30
. Impacten werden gescoord op basis van ernst en waarschijnlijkheid, met meningen van experts verzameld via interviews en beoordeeld door het ESG-comité. De resultaten zijn gevalideerd aan de hand van de belangen van aandeelhouders. Het scoringsschema dat werd gebruikt om de impacten te beoordelen, omvatte drie factoren: ernst, reikwijdte en mate van herstelbaarheid voor negatieve gevolgen. De ernst werd ingedeeld in laag, gemiddeld of hoog, terwijl de reikwijdte werd gecategoriseerd als lokaal, wijdverspreid of wereldwijd. De mate van herstelbaarheid werd beoordeeld op basis van de moeilijkheid om een effect te herstellen, variërend van gemakkelijk tot zeer moeilijk
31
.
Om de inzichten van de experts te verrijken, werden de eindresultaten getoetst aan de eco-impactanalyse van 2022, die gebaseerd is op sectorspecifieke duurzaamheidsnormen en -kaders. Voor de financiële materialiteit werden risico’s en kansen geïdentificeerd, beschreven en gecategoriseerd in reputatie-, bedrijfs-, operationele, financiële en regelgevingsrisico’s. Vervolgens kregen ze een score van het ESG-comité en de CFO op basis van hun omvang (of potentieel financieel effect) en waarschijnlijkheid. Elk risico en elke kans kreeg een score op basis van het potentiële financiële effect op inkomsten, kosten, activa, passiva en kapitaal/risicoprofiel, op een schaal van 0 (geen effect) tot 5 (zeer ernstig effect). Voor de waarschijnlijkheid varieerden de scores van 20%-30% (eerder onwaarschijnlijk) tot 100% (daadwerkelijke impact)
32
.# Energie- en emissiemanagement
Bij het inventariseren van deze risico’s en kansen hebben we zorgvuldig gekeken naar hun afhankelijkheid van de geïdentificeerde gevolgen. Zo werden negatieve milieueffecten, zoals CO2-uitstoot door bedrijfsactiviteiten, gekoppeld aan een financieel risico van stijgende operationele kosten als gevolg van niet-geoptimaliseerd energiegebruik of hogere prijzen voor fossiele brandstoffen 33. De resulterende matrix voor impactmaterialiteit en financiële materialiteit hielpen ons om prioriteit te geven aan impacten, risico’s en kansen die boven de gedefinieerde drempel scoorden, door ze als kritiek te beschouwen en meer aandacht te geven 34. Er werd een definitieve matrix gemaakt waarin ESG- onderwerpen langs de financiële materialiteit (X-as) en impactmaterialiteit (Y- as) werden gelegd om hun algehele materialiteit te bepalen 35. Tijdens deze oefening hebben we ons gebaseerd op betrouwbare bronnen, zoals hierboven uitgelegd, en deze gecombineerd met de expertise van interne en externe specialisten om een doordachte score en robuuste consolidatie van de resultaten te garanderen. 36 Hierbij werden belanghebbenden bevraagd via enquêtes en interviews om een volledig beeld te krijgen van de verschillende meningen over onze duurzaamheidsprestaties in onze waardeketen. 37
Hoewel Energie- en emissiemanagement ons enige materiële onderwerp was, volgt hier een overzicht van hoe andere milieufactoren in dit proces aan bod kwamen:
Verontreiniging:
Verontreiniging werd niet beschouwd als een op zichzelf staand onderwerp, maar werd opgenomen in bredere categorieën, zoals biodiversiteit. We hebben bijvoorbeeld IRO’s rondt bodemverontreiniging die geïdentificeerd en gescoord worden als onderdeel van ons biodiversiteitsthema.
Water en mariene hulpbronnen:
Aangezien onze activiteiten een minimale impact hebben op mariene hulpbronnen, hebben we ons voornamelijk gericht op waterbeheer binnen onze activiteiten. Hoewel dit onderwerp momenteel niet materieel is, blijven we proactief in het optimaliseren van ons watergebruik. In feite werd waterbeheer door onze belanghebbenden aangewezen als een van de top vijf gebieden waarop we uitblinken.
Biodiversiteit en ecosystemen:
We hebben onze effecten op de biodiversiteit geïdentificeerd en beoordeeld, evenals de bijbehorende risico’s en kansen, rekening houdend met de locaties van onze vestigingen en hun mogelijke effecten op de omliggende ecosystemen. Aangezien we geen activa hebben in de buurt van biodiversiteitsgevoelige gebieden, werd dit onderwerp als niet-materieel beschouwd. Desalniettemin wordt voor het verkrijgen van ontwikkelingsvergunningen door Nextensa een milieustudie uitgevoerd aan de hand van bestaande kaarten om te voldoen aan de regelgeving en om ervoor te zorgen dat een project geen negatieve invloed heeft op de natuur en biodiversiteit. Een van de referenties hierbij is het BAF+. De biodiversiteitspotentieel-oppervlaktefactor definieert het aandeel eco- ontwikkelde oppervlakte (beplant of gunstig voor het ecosysteem) op de totale oppervlakte van een perceel dat in aanmerking komt voor een bouwproject (nieuw of renovatie). Naast het wettelijke kader is het doel van Nextensa om aantrekkelijke wijken te creëren die groene ruimten integreren en de biodiversiteit vergroten. Omdat het duidelijk is dat de biodiversiteit wordt beïnvloed door vastgoedactiviteiten, heeft Nextensa veel energie gestoken in het onderzoek naar hoe de waarde van biodiversiteit in bestaande en nieuwe projecten kan worden verbeterd. De focus is gelegd op het groener maken van de gebouwomgevingen en daarmee op het creëren van ruimte voor zowel mens als natuur. Hierdoor is niet alleen de menselijke ervaring toegenomen, maar ook de biodiversiteitswaarde van de bouwplaatsen. Voor locaties in eigendom is de ontwikkeling van groenzones een continu proces en Nextensa onderzoekt voortdurend hoe de fauna en flora kunnen worden verbeterd. Vanaf het begin heeft Nextensa gezorgd voor een grote diversiteit aan bomen en planten, inheemse plantensoorten beschermd en ruimte gemaakt voor fauna, zoals bijen, vogels, vleermuizen en andere lokale soorten. Er wordt een strikt onderhoudsbeleid gevoerd om de biodiversiteit te behouden en te bevorderen.
Materiaalgebruik en Circulaire economie:
Dit onderwerp werd ondergebracht in twee ESG-onderwerpen: circulariteit en beheer van afvalstromen. Hoewel circulariteit op zich niet materieel werd geacht, kwam het naar voren als een kritiek gebied om effectief te beheren. Om de risico’s, kansen en gevolgen van deze onderwerpen te evalueren, hebben we onze activiteiten, investeringen en waardeketen onderzocht. We hebben alle relevante activalocaties zorgvuldig bekeken om er zeker van te zijn dat we rekening hielden met mogelijke milieueffecten. We hebben experts op dit gebied geraadpleegd om een volledig beeld te krijgen van de milieueffecten van onze activiteiten. Zoals in de volgende paragraaf wordt beschreven, hebben we ook contact opgenomen met belanghebbenden, waaronder betrokken gemeenschappen, om onze prestaties op deze gebieden te beoordelen en inzicht te krijgen in hun verwachtingen van ons. Dit grondige, gestructureerde proces, dat wordt aangestuurd door ons ESG- comité en dat onder toezicht staat van ons hogere management, wordt een belangrijk onderdeel van onze algehele risicomanagementstrategie 38. Sinds dit jaar zijn onze materiële duurzaamheidsgerelateerde risico’s geïntegreerd in onze risicofactoren als onderdeel van onze bredere risicobeoordeling, waardoor we deze risico’s beter kunnen beheren en prioriteren binnen onze algehele strategie 39. Hoewel uit deze beoordeling geen materiële kansen naar voren zijn gekomen, blijven we ons inzetten om potentiële kansen te volgen en te evalueren. 40 Deze periode bouwt voort op de dubbele materialiteitsanalyse van 2023, zonder significante updates, maar met een readiness assessment-audit in 2024 om de robuustheid te waarborgen 41. We zijn van plan om deze oefening in 2026 te herzien en te verfijnen om in lijn te blijven met de veranderende duurzaamheidsnormen en marktdynamiek.
Belangrijke impacten, risico’s en opportuniteiten in relatie tot de strategie
Nu we het proces achter onze dubbele materialiteitsanalyse hebben besproken, delen we hieronder graag de resultaten. Aangezien we dit jaar rapporteren op basis van de dubbele materialiteitsanalyse uit 2023, zijn er geen significante wijzigingen in de invloeden, risico’s en kansen ten opzichte van de vorige verslaggevingsperiode. 42 Alle materiële impacts, risico’s en opportuniteiten vallen onder de ESRS Disclosure Requirements. Nextensa gebruikte echter een andere terminologie om te verwijzen naar bepaalde disclosures in de vorige rapporteringsperiode en om consistent te blijven met de duurzaamheidsstrategie die werd ingevoerd na de fusie in 2021 en die de visie van Nextensa weerspiegelt. Naar “Eigen personeel” wordt bijvoorbeeld verwezen als “Nextensa’s mensen”. In 2023 heeft Nextensa als gevolg van de dubbele materialiteit haar terminologie in overeenstemming gebracht met die van ESRS en zal hiernaar verwijzen in dit verslag. Er zijn geen aanvullende entiteitspecifieke toelichtingen gebruikt voor materiële gevolgen, risico’s en kansen. 43
Mapping of Nextensa’s Material topics and the ESRS:
| NEXTENSA’S MATERIAL TOPIC | ESRS TOPIC - subTOPIC | ESG TOPIC’S TO BE MANAGED | ESRS TOPIC - subTOPIC |
|---|---|---|---|
| Energy & Emission Management | ESRS E1 Climate change - Climate change mitigation; Energy | Circularity | ESRS E5 Circular Economy - Resource outflows related to products and services; Resources inflows, including resource use |
| Healthy & Resilient Buildings | ESRS E1 Climate change - Climate change adaptation | ||
| Lively Neighbourhoods | ESRS S4 Consumers and End-users - Personal safety of consumers and/or end-users | ||
| ESRS S3 Affected Communities - Communities’ civil and political rights; Communities’ economic, social and cultural rights | |||
| ESRS S4 Consumers and End-users - Social inclusion of consumers and/or end-users | |||
| Nextensa’s People | ESRS S1 Own workforce - Equal treatment and opportunities for all; Working conditions | ||
| ESRS S4 Consumers and End-users - Information-related impacts for consumers and/or end-users | |||
| ESRS S2 Workers in the value chain - Equal treatment and opportunities for all; Working conditions; Other work-related right | |||
| ESRS G1 Business Conduct - Corporate culture; Corruption and bribery; Management of relationships with suppliers including payment practices; Protection of whistle-blowers |
Hôtel des Douanes - België
Voor de uitkomsten van onze dubbele materialiteit volgt hieronder een lijst met de materiële impacts, risico’s en kansen die we hebben geïdentificeerd met betrekking tot ons materiële onderwerp “Energie- & emissiemanagement” (gelijk aan E1 Klimaatmitigatie en Energie). Het bevat het verband tussen de IRO’s en de relevante activiteiten binnen ons bedrijfsmodel en hun positie in de waardeketen 44. In deze oefening gebruikte Nextensa een tijdshorizon van drie niveaus uit ESRS 1 om risico’s en opportuniteiten te evalueren. Voor potentiële impacts werd geen specifieke tijdshorizon gebruikt; in plaats daarvan hebben we een waarschijnlijkheidsschaal toegepast (zeer onwaarschijnlijk tot zeer waarschijnlijk) die overeenkomt met deze tijdskaders: zeer onwaarschijnlijk (>5 jaar), tamelijk onwaarschijnlijk of tamelijk waarschijnlijk (1-5 jaar) en zeer waarschijnlijk (<1 jaar).# Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
98
| Materieel onderwerp | Beschrijving materieel risico # Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
ESRS topics in Nextensa’s ESG strategie
| Naam standaard | Het equivalent daarvan volgens de terminologie van Nextensa in het vorige rapport | Materialiteit | Basis voorbereiding openbaarmaking |
|---|---|---|---|
| ESRS 2 – Algemene Informatie | x | v Volgens ESRS-richtlijnen | |
| ESRS E1 – Klimaatverandering | Energie- en Emissie beheer | v | Volgens ESRS-richtlijnen |
| · Klimaatmitigatie | |||
| · Energie | |||
| · Klimaatadaptatie | Gezonde en veerkrachtige gebouwen | x Vrijwillige basis | |
| ESRS E2 – Verontreiniging | x | x | |
| ESRS E3 – Water en mariene hulpbronnen | Waterbeheer | x | x |
| ESRS E4 – Biodiversiteit en ecosystemen | Biodiversiteit | x | x |
| ESRS E5 – Materiaalgebruik en circulaire economie | Circulariteit | x | Vrijwillige basis |
| ESRS S1 – Eigen personeel | Nextensa’s Mensen | x | Vrijwillige basis |
| ESRS S2 – Werknemers in de waardenketen | Voorbeeldig Bestuur | x | x |
| ESRS S3 – Getroffen gemeenschappen | Levendige buurten | x | x |
| ESRS S4 – Consumenten en eindgebruikers | Gezonde en veerkrachtige gebouwen | x | x |
| Levendige buurten | x | Vrijwillige basis | |
| Voorbeeldig Bestuur | x | Vrijwillige basis | |
| ESRS G1 – Zakelijk gedrag | Voorbeeldig Bestuur | x | Vrijwillige basis |
we do live best in this world when we keep the next in mind
3.2. MILIEU-INFORMATIE
Als belangrijke speler in de vastgoedsector speelt Nextensa een rol in de inspanningen van Europa om de wereldwijde temperatuurstijging te beperken tot 1,5°C boven het pre-industriële niveau, in overeenstemming met het Akkoord van Parijs. De bouwsector alleen al is goed voor 40% van de Europese vraag naar energie en ongeveer 80% van die energie is nog steeds afkomstig van fossiele brandstoffen. Dit maakt de sector verantwoordelijk voor zowel onmiddellijke actie als langetermijninvesteringen, essentieel voor het bevorderen van energiezekerheid en het versnellen van de energietransitie.
Ons overkoepelende duurzaamheidsbeleid dient als basis voor al ons onderwerpspecifiek beleid binnen onze ESG-strategie en omvat aspecten op het gebied van milieu, maatschappij en goed bestuur. Het is opgebouwd rond drie kernpijlers die aansluiten bij onze ESG-strategie: (Her)ontwikkeling van klimaatadaptieve gebouwen, creëren van duurzame samenlevingen en investeren in menselijk kapitaal. Elke pijler omvat een of meer aandachtsgebieden, elk ondersteund door een eigen specifiek beleid samen met gedefinieerde acties en, waar van toepassing, specifieke doelen om een meetbare impact te garanderen.
Klimaatadaptieve gebouwen
Duurzame samenlevingen
Menselijk kapitaal
In dit hoofdstuk over onze milieu-inspanningen richten we ons op de eerste pijler van ons beleid: “(Her)ontwikkeling van klimaatadaptieve gebouwen”, die drie belangrijke onderwerpen omvat:
Emissie- en energiebeheer
We zetten ons in om de wereldwijde uitstoot te verminderen door de positieve milieu-impact van Nextensa’s activiteiten, projecten en eigendommen voortdurend te verbeteren, met als doel onze ecologische voetafdruk te minimaliseren. Dit betekent dat we duurzame bouwpraktijken invoeren, de energieprestaties verbeteren en de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen verminderen door meer gebruik te maken van hernieuwbare energiebronnen. Het bereiken van deze doelen vereist strategische investeringen in energie-efficiëntie en een sterkere samenwerking met onze belanghebbenden. Dit onderwerp is erkend als het meest materiële onderwerp voor Nextensa volgens de dubbele materialiteitanalyse en is een belangrijk aandachtspunt voor onmiddellijke actie en investeringen om ervoor te zorgen dat we zowel onze korte- als langetermijndoelstellingen op het gebied van duurzaamheid halen. Onder dit eerste onderwerp, “Emissie- en energiebeheer”, zullen we ons richten op het rapporteren van de vereiste informatie onder ESRS E1 - Klimaatverandering - klimaatmitigatie en energie.
Volgens ESRS E1-richtlijnen gerapporteerd
Op vrijwillige basis gerapporteerd
Gezonde en veerkrachtige gebouwen
Voor Nextensa is aanpassing aan klimaatverandering nauw verbonden met zowel de gezondheid en veiligheid van de gebruikers van gebouwen als de stijgende vraag naar energie die nodig is om comfortabele omgevingen te handhaven. Om de prestaties van gebouwen en het welzijn van gebruikers te verbeteren, investeren we actief in innovatieve technologieprojecten die efficiëntie, veerkracht en tevredenheid stimuleren. In dit verslag is onze aanpak van de aanpassing aan klimaatverandering geïntegreerd in het hoofdstuk “Gezonde en veerkrachtige gebouwen”, een belangrijk thema om te beheren, hoewel er nog geen aparte ESRS-rapportage voor is.
Circulariteit
De bouwpraktijken van Nextensa evolueren in de richting van circulaire bouwprincipes om de CO2-voetafdruk van het bedrijf aanzienlijk te verlagen. Dit betekent niet alleen het optimaliseren van het gebruik van hulpbronnen, maar ook het ontwerpen van aanpasbare, multifunctionele gebouwen die tientallen jaren meegaan en het integreren van strategieën voor het verminderen, hergebruiken en recyclen van bouwmaterialen. Een belangrijk aandachtspunt bij deze transitie is het gestandaardiseerde gebruik van biobased materialen, waardoor de impact op het milieu verder wordt geminimaliseerd. Bij nieuwe ontwikkelingen en renovaties geven we prioriteit aan circulariteit door zorgvuldig materialen te selecteren en samen te werken met aannemers en leveranciers die toonaangevend zijn op het gebied van duurzaam bouwen. Door circulaire principes in te bedden in elke ontwikkelingsfase willen we duurzaamheid en veerkracht op lange termijn stimuleren in onze vastgoedportefeuille. Meer informatie over onze initiatieven op het gebied van circulariteit is te vinden in het vrijwillig gerapporteerde hoofdstuk van dit verslag.
3.2.1. Beleid voor Energie & Emissiebeheer
Bij Nextensa maken wij binnen ons duurzaamheidsbeleid een onderscheid tussen klimaatmitigatie en -adaptatie. Op basis van de resultaten van de dubbele materialiteitsanalyse hebben we binnen ons duurzaamheidsbeleid prioriteit gegeven aan robuuste mitigatiemaatregelen, waarmee we de grootste impact kunnen hebben. Hoewel adaptatie belangrijk blijft, is ons plan minder uitgebreid vanwege de lagere blootstelling aan klimaatrisico’s van onze locaties in Centraal- en West-Europa. Bovendien zullen effectieve mitigatie- inspanningen in sommige gevallen de noodzaak voor adaptatie na verloop van tijd verminderen. Hoewel ons beleid hieromtrent nog niet formeel extern is gecommuniceerd, maken we hier een prioriteit van voor 2025. Onze initiatieven sluiten aan bij belangrijke materiële impacts, risico’s en kansen met betrekking tot ons materieel duurzaamheidsthema, en door dit jaar vrijwillig te rapporteren onder ESRS, lopen we voor op velen in de sector en laten we zien dat we transparantie en voortdurende verbetering nastreven. Ons beleid voor energie- en emissiebeheer, dat zich richt op het beperken van klimaatverandering en energiebeheer, is afgestemd op elk type activiteit en heeft betrekking op onze gehele waardeketen en geografische gebieden:
Voor investeringen richten de mitigatie-inspanningen zich op de overgang naar hernieuwbare energie, het verbeteren van de energie-efficiëntie, het aanpassen van het consumptiegedrag en het integreren van duurzame infrastructuur. Deze maatregelen helpen belanghebbenden hun positieve impact te vergroten of hun negatieve voetafdruk te verkleinen.
Voor ontwikkelingsactiviteiten geeft Nextensa prioriteit aan het ontwerpen van multifunctionele, aanpasbare gebouwen met tijdloze architectuur en materialen die de CO2-uitstoot gedurende de levenscyclus van het gebouw minimaliseren. Door te zorgen voor een minimaal energieverbruik en fossiele brandstoffen voor verwarming en koeling te elimineren, maximaliseert Nextensa de operationele efficiëntie en vermindert het de emissies gedurende de levensduur van het gebouw. Naast voordelen voor het milieu creëren deze mitigatiestrategieën ook economische waarde. Toekomstbestendige gebouwen behouden of vergroten niet alleen hun waarde, maar tonen ook veerkracht in een snel veranderend regelgevings- en marktlandschap.# Duurzaamheidsverslag
“Binnen ons beleid nemen we belangrijke stappen om verschillende aspecten van klimaatverandering aan te pakken. Alle hieronder genoemde aspecten vallen onder ons beleid voor energie- en emissiebeheer, behalve klimaatadaptatie, dat deel uitmaakt van ons beleid voor gezonde en veerkrachtige gebouwen. Beide beleidslijnen worden, samen met andere, geleid door ons overkoepelende duurzaamheidsbeleid.”
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
106 (a) Klimaatmitigatie
Nextensa zet zich in om zijn ecologische voetafdruk te verkleinen door middel van duurzame bouwpraktijken, het gebruik van hernieuwbare energiebronnen zoals geothermie en zonne-energie, en het verbeteren van de energie-efficiëntie. We willen ons deel van de verantwoordelijkheid nemen om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5°C boven het pre-industriële niveau, in overeenstemming met het Akkoord van Parijs. Daarom volgen we het GHG Protocol en hebben we ambitieuze netto-nul doelen gesteld: een reductie van 95% in Scope 1 en 2 emissies tegen 2030, met compensatie voor het saldo en een net-zero doel voor scope 3 emissies tegen 2050. Om dit te bereiken is een actieplan ontwikkeld.
Voor investeringsactiviteiten zorgen we ervoor dat de inspanningen om CO2 te verminderen binnen de portefeuille voldoen aan de EU-doelstellingen om toekomstige marktverwachtingen tegemoetkomen. Afhankelijk van de scope 3-categorie die wordt gerapporteerd, worden verschillende kaders gebruikt: Ten eerste het GHG-protocol om de CO2-voetafdruk te berekenen, ten tweede wil Nextensa een substantiële bijdrage leveren aan de categorie “Beperking van klimaatverandering” in het kader van de EU Taxonomie voor zijn activiteiten “Verwerving en eigendom van gebouwen” en ten slotte streeft Nextensa naar een reductie van 45% voor zijn portefeuille tegen 2030, in overeenstemming met de CRREM-trajecten die worden beschouwd als een robuust 1,5°-uitgelijnd pad voor operationele emissies en vertrouwt op een operationele intensiteitsdoelstelling, specifiek voor landen en gebouwtypen, die groei-agnostisch is.
Voor ontwikkelingsactiviteiten zorgen we ervoor dat alle nieuwe projecten niet langer afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen, maar hernieuwbare energiebronnen gebruiken. De ontwikkelingen zullen ook worden afgestemd op de technische criteria voor de EU Taxonomie categorie “7.1 Bouw van nieuwe gebouwen” die vereisen dat de primaire energievraag ten minste 10% lager is dan de nationale NZEB (Nearly-zero energy buildings) drempelwaarden, een verplichte levenscyclusanalyse (LCA) en naleving van de DNSH (Do No Significant Harm) principes. Voor categorie “7.2 Renovatie van bestaande gebouwen”, als de renovatie van het gebouw voldoet aan de toepasselijke eisen voor ingrijpende renovaties, is een reductie van de primaire energievraag (PED) van ten minste 30% vereist.
De EU Taxonomie is een kader dat door de Europese Unie is opgezet om ecologisch duurzame economische activiteiten te definiëren, waardoor een gemeenschappelijke taal voor duurzame investeringen wordt gecreëerd. Door duidelijke normen te stellen, helpt de Taxonomie bij het bevorderen van transparantie, consistentie en verantwoording in duurzaamheidsrapportages van bedrijven. Daarnaast hebben we specifieke doelen gesteld voor het terugdringen van de embodied carbon, met name voor kantoorgebouwen, in lijn met de doelen van SBTi Buildings.
(b) Klimaatadaptatie
We zetten ons in om ons aan te passen aan zowel de huidige als de verwachte gevolgen van klimaatverandering. Dit omvat het waarborgen van de gezondheid en veiligheid van de gebruikers van gebouwen en het aanpakken van de toenemende vraag naar energie als gevolg van klimaatverandering. Onze aanpak versterkt de veerkracht door de CO2-voetafdruk van gebouwen te verminderen en ervoor te zorgen dat ze bestand zijn tegen toekomstige klimaatuitdagingen. Dankzij de voorafgaande fysieke klimaatrisicoscreening van de locatie van onze bestaande of toekomstige gebouwen verzekeren we de veerkracht van onze portefeuille.
(c) Energie-efficiëntie
We richten ons op het verminderen van de CO2-voetafdruk van bouwmaterialen, het minimaliseren van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen en het verbeteren van de energieprestaties van onze gebouwen. Een aanzienlijk deel van de energie die in onze geleasede gebouwen wordt verbruikt, komt al uit hernieuwbare bronnen en we blijven transparant rapporteren over emissies. De afgelopen jaren hebben we geïnvesteerd in een Energy Management Platform dat real-time monitoring en optimale controle op de meeste locaties mogelijk maakt. Met deze technologie kunnen we het energieverbruik bijhouden, het comfort voor de gebruikers verbeteren, bediening op afstand mogelijk maken en gegevensgestuurde beslissingen nemen om de prestaties en efficiëntie van onze vastgoedportefeuille te verbeteren.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
107 53 Groene huurovereenkomsten:
Nextensa introduceert geleidelijk “Groene huurovereenkomsten” om te zorgen voor afstemming met huurders voor investeringen in de efficiëntie van gebouwen. Met dit doel wil de organisatie dat huurders worden gestimuleerd door deel te nemen aan energie-efficiëntie, waterbesparing, afvalvermindering, recycling en het gebruik van niet-gevaarlijke schoonmaakproducten of andere duurzame acties. Om de betrokkenheid van huurders te stimuleren en te versterken, is er een gebruikershandleiding voor gebouwen verstrekt met betrekking tot duurzaam gebouwbeheer en lokale maatschappelijke betrokkenheid.
(d) Hernieuwbare energie
Nextensa blijft investeren in hernieuwbare energieoplossingen, zoals zonnepanelen om de energiebehoeften van de portefeuille gedeeltelijk te dekken en in geothermische energie en warmtepompen, waardoor het gebruik van groene energie in verwarmings- en koelsystemen voor nieuwe ontwikkelingen en renovaties toeneemt. We nemen ook deel aan innovatieve projecten, zoals het Energy Community-project, dat bewoners toegang geeft tot gedeelde hernieuwbare elektriciteit tegen aantrekkelijke tarieven, of het HUME-project (Hubs for Urban Mobility and renewable Energy), dat innovatieve oplossingen biedt voor de integratie van multimodale e-mobiliteit met hernieuwbare energiesystemen.
(e) “Embodied carbon” aanpakken
Naast het nastreven van een minimaal energieverbruik van het gebouw en het investeren in de inzet van hernieuwbare energie, is het kiezen voor materialen met een lagere CO2-uitstoot ook een belangrijke verantwoordelijkheid van Nextensa, aangezien wij tijdens de ontwikkelingsfase aan het stuur zitten van keuzes die de CO2-uitstoot beïnvloeden voor de hele levenscyclus van het gebouw. Het monitoren van de CO2-uitstoot van materialen gedurende de levensfase gebeurt op basis van levenscyclusanalyses (LCA’s). Een levenscyclusanalyse (LCA) bestaat uit een analyse van de volledige levenscyclus van alle componenten in het gebouw (“van wieg tot graf”). De levenscyclus begint bij de selectie en levering van materialen voor het bouwproces: de product- en transportfase. Vervolgens wordt het bouwproces geanalyseerd, de ingebruikname van het gebouw (inclusief onderhoud, reparatie en vervanging), het energie- en waterverbruik en het einde van de levensduur van alle componenten in het gebouw. In de laatste fase wordt gezocht naar mogelijkheden voor hergebruik of recyclage van componenten om de hoeveelheid afval in het bouwproces te minimaliseren.
Aan de ene kant is het uitvoeren van een LCA een belangrijk criterium bij het voldoen aan de EU-Taxonomie voor klimaatmitigatie; aan de andere kant gebruikt Nextensa deze gegevens om de inherente emissies van haar ontwikkelingen en renovaties te benchmarken in afwachting van nationale regelgeving. LCA’s stellen ons ook in staat om proactief de belangrijkste belanghebbenden van onze toeleveringsketen te betrekken bij het bereiken van onze doelen.
Nextensa heeft interne doelen gesteld voor toekomstige ontwikkelingen met betrekking tot embodied carbon in lijn met de SBTi Buildings richtlijnen. Voor residentiële gebouwen is de uitdaging nog groter, aangezien woongebouwen standaard op een veel traditionelere manier worden gebouwd en de kloof met het gewenste pad nog groter is. Niettemin heeft Nextensa een minimum vastgelegd om hieraan te voldoen van 25% van de opgeleverde oppervlakken. Dit percentage zal verder worden bekeken en hangt af van regulering en de bereidwilligheid van de klanten om een premium te betalen. De komende jaren zal verder worden onderzocht hoe deze ontwikkelingen nog verder kunnen aansluiten bij de vooraf vastgestelde emissiewaarden.
(f) Reikwijdte en governance van ons duurzaamheidsbeleid
Dit beleid is van toepassing op al onze activiteiten en op de gehele waardeketen, van toeleveringsketens (bijv. het inkopen van materialen met een lagere ingebouwde CO2-uitstoot of embodied carbon) tot downstream impacts (bijv. het bevorderen van hernieuwbare energie en energie-efficiëntie voor gebruikers). Als speler in de vastgoedsector hanteren we een holistische benadering van de volledige levenscyclus van vastgoed, waarbij we belangrijke belanghebbenden betrekken uit sectoren zoals de bouw en energiesystemen. Ons duurzaamheidsbeleid is van toepassing op ons gehele geografische voetafdruk, België, Luxemburg en Oostenrijk, zonder belangrijke uitzonderingen. Het Executief Comité, geadviseerd door het ESG-comité, zorgt voor de strategische afstemming van het beleid op de algemene bedrijfsstrategie, terwijl de operationele teams de uitvoering van het beleid aansturen. Op deze manier sluiten onze beleidsmaatregelen om klimaatverandering tegen te gaan aan bij erkende normen, zoals het GHG-protocol, het Akkoord van Parijs (doelstelling van 1,5°C) en de EU Taxonomie-regelgeving.# Nextensa - 2024 Annual Report
3.2.1.2. Transitieplan voor klimaatmitigatie
Als onderdeel van onze inzet voor de planeet en de maatschappij heeft Nextensa de afgelopen jaren aanzienlijke inspanningen geleverd om zijn gebouwen duurzamer en energiezuiniger te maken. Tegelijkertijd hebben we ook naar ons eigen vennootschap gekeken en onze eigen operationele uitstoot verminderd. Al deze inspanningen zijn in lijn met ons hoofddoel: het bereiken van netto nul emissies voor Scope 1 en 2 tegen 2030 en voor Scope 3 tegen 2050. Hieronder volgt een gedetailleerd overzicht van deze doelen en de stappen die we nemen om ze te bereiken.
Een cruciaal aspect van onze strategie is het opvolgen van emissies in de hele waardeketen, niet alleen om bij te dragen aan een duurzamere toekomst, maar ook om tastbare voordelen te ontsluiten die het succes van Nextensa op lange termijn ondersteunen. Om emissies effectief te meten en te beheren, volgt het bedrijf het Greenhouse Gas (GHG) Protocol, een wereldwijd erkend kader voor koolstofboekhouding. Dit protocol deelt emissies in drie scopes in: scope 1 (directe emissies van bronnen die eigendom zijn of beheerd worden door het bedrijf), scope 2 (indirecte emissies van ingekochte elektriciteit) en scope 3 (alle andere indirecte emissies, inclusief die van de toeleveringsketen en de levenscyclus van producten). Door zich te houden aan deze gestandaardiseerde praktijken, zorgt Nextensa voor transparantie, consistentie en geloofwaardigheid in zijn emissierapportage en reductie-inspanningen.
Naast inspanningen om scope 1 en 2 broeikasgasemissies te verminderen, zet Nextensa zich ook in voor het verminderen van scope 3 emissies, die het grootste deel van onze milieu-impact vertegenwoordigen. Als vastgoedbedrijf Nextensa’s scope 3 emissies worden voornamelijk veroorzaakt door de bouw, de exploitatie en het onderhoud van nieuwe gebouwen en door de aankoop, renovatie en verkoop van activa. Dit zijn belangrijke factoren die de volledige levenscyclus van emissies van vastgoed beïnvloeden.
Ons transitiesplan om de klimaatverandering te beperken is gebaseerd op een gerichte aanpak om onze beleggingsportefeuille koolstofvrij te maken, volgens de CRREM pathways (opgesteld voor energiegebruik en CO2- emissie van gebouwen om binnen een 1,5°C scenario te blijven.). De CRREM (Carbon Risk Real Estate Monitor) is een standaardinstrument in de sector waarmee vastgoedbeleggers en belanghebbenden CO2-gerelateerde risico’s in hun vastgoedportefeuilles kunnen beoordelen en beheren. Het biedt methodologieën en benchmarks om de koolstofintensiteit van vastgoedactiva te meten, de blootstelling aan klimaatgerelateerde risico’s te evalueren en op wetenschap gebaseerde doelstellingen voor CO2-reductie vast te stellen. Door dit robuuste, op 1,5°C afgestemde pad voor in-use emissies te volgen, zorgen we voor afstemming op het Akkoord van Parijs en verbeteren we de transparantie en controleerbaarheid van onze voetafdrukberekeningen.
Om deze inspanning verder te versterken, heeft Nextensa vorig jaar een gespecialiseerde tool aangenomen om zijn emissietracking, investeringsplannen en rapportage te verfijnen. Voor bouw- en renovatieactiviteiten hanteren we een doelstelling op basis van intensiteit die van toepassing is op embodied emissies, zodat onze aanpak effectief blijft ongeacht de groei van onze portefeuille. Voor alle nieuwe constructies en grote renovaties zijn fossiele brandstoffen niet langer een optie om de operationele emissies verder te verminderen. In 2023 heeft Nextensa zich ertoe verbonden dat alle nieuwe ontwikkelingen en renovaties voldoen aan de criteria van de EU Taxonomie en een substantiële bijdrage leveren aan klimaatmitigatie.
Met dit transitieplan voor mitigatie vertalen we ons beleid voor energie- en emissiebeheer naar duidelijke decarbonisatiemaatregelen voor elke activiteit. Daarbij worden specifieke acties en meetbare doelstellingen geschetst om de voortgang te waarborgen en de effectiviteit te volgen. Hiermee zet Nextensa zich in om wereldwijde emissies te verminderen, de energieprestaties van gebouwen te verbeteren, de CO2-voetafdruk van bouwmaterialen te verkleinen, de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen en partnerschappen te versterken. Deze acties worden verder ondersteund door gerichte investeringen in energie-efficiëntie.
(a) Scope 1, 2 en 3 emissies
In dit hoofdstuk maken we een onderscheid tussen operationele emissies die voortkomen uit onze directe activiteiten en activa-gerelateerde emissies, die verder worden onderverdeeld in twee categorieën:
- INVESTERING: Emissies met betrekking tot het verwerven van, investeren in en beheren van onroerend goed.
- ONTWIKKELING: Emissies met betrekking tot de (her)ontwikkeling van eigendommen die later worden beheerd of verkocht.
Dit onderscheid helpt ons om de emissies over de volledige reikwijdte van onze activiteiten en activa duidelijk te volgen en te beheren. Het stelt ons ook in staat om gerichte decarbonisatiestrategieën voor elke activiteit te ontwikkelen, waarbij prioriteit wordt gegeven aan inspanningen waar de emissies het meest significant is.
Scope 1: Er is aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verminderen van fossiel brandstofverbruik voor de verwarming van de kantoren van Nextensa. De grootste uitdaging blijft echter het verminderen van de mobiliteitsgerelateerde broeikasgasemissies, die het grootste deel van onze Scope 1-emissies vormen. Deze emissies bedragen 104,70 ton CO₂eq op een totaal van 113,67 ton CO₂eq, wat 92% van de Scope 1-emissies vertegenwoordigt. Het brandstof- en gasverbruik voor de verwarming van onze kantoren vertegenwoordigt 8,96 ton CO₂eq (-78% reductie ten opzichte van de baseline van 2021). Voor scope 1 emissies is onze belangrijkste decarbonisatiehefboom gekoppeld aan veranderingen in ons mobiliteitsbeleid. We streven ernaar om auto’s met verbrandingsmotoren uit te sluiten en een alternatieve elektrische oplossing te bevoordelen.
Scope 2: Sinds de verhuizing van het Belgische hoofdkantoor naar het duurzame gebouw Gare Maritime in 2022 hebben we onze netto nuluitstoot doelstelling reeds gehaald voor de Belgische kantoren. In 2024 verbruikten ze 30,17 MWh zelf opgewekte zonne-energie, goed voor 37,3% van de totale elektriciteitsverbruik van 80,95 MWh. Dankzij de verhuis in maart 2024 van onze Luxemburgse collega’s van het verkochte gebouw Hygge naar een kleinere locatie in Leudelange vertegenwoordigt de Belgische hoofdkantoor in Gare Maritme 73% van de totale kantoorruimte van Nextensa. Naast het totale elektriciteitsverbruik van de kantoren in België en Luxemburg, dat samen 102,79 MWh bedraagt, is er een elektriciteitsverbruik van 56,5MWh voor de bedrijfswagens en een verbruik van 507,5MWh voor de constructie van Park Lane fase II. Aangezien de aangekochte elektriciteit voor de kantoren en voor de werf op Tour & Taxis afkomstig is van hernieuwbare bronnen, heeft enkel het verbruik van de geëlektrificeerde vloot een impact op de totale CO2-voetafdruk van Nextensa. Aangezien het voor dit jaar niet duidelijk was of de elektriciteit al dan niet afkomstig was van hernieuwbare bronnen, werd alle opgeladen elektriciteit geteld als een onbekende bron, wat een resultaat gaf van 8,19 ton CO2.
Scope 3: Scope 3 emissies van Nextensa’s activiteiten vertegenwoordigen het grootste deel van onze milieu-impact. Als uitgangspunt werd in 2022 een screening uitgevoerd die resulteerde in een CO2 -mapping voor Nextensa om te bepalen welke scope 3-categorieën naar verwachting de grootste broeikasgasemissies zullen hebben, het grootste broeikasgasreductiepotentieel bieden en het meest relevant zijn voor de bedrijfsdoelstellingen. Deze mapping vormt de basis van de routekaart die Nextensa volgt om de rapportage over scope 3-emissies in de loop van de tijd uit te breiden. Scope 3 emissies zijn inderdaad het meest complex om te meten, aangezien ze zowel operationele als activagerelateerde emissies omvatten, inclusief die van onze investeringsportefeuille en ontwikkelingsactiviteiten. Alles bij elkaar genomen, bedragen de scope 3 emissies van Nextensa in totaal 21.980 ton CO₂eq. De categorie “Gebruik van verkochte producten” vertegenwoordigt de resterende levenslange emissies door energieverbruik door toekomstige bewoners van verkochte gebouwen, op basis van een geschatte levensduur van 60 jaar voor een gebouw. De categorie “Einde levensduur van verkochte producten” omvat emissies van de behandeling aan het einde van de levensduur van buiten gebruik gestelde gebouwen, zoals sloop of deconstructie. Daarnaast houdt “Kapitaalgoederen” rekening met de embodied carbon van de ontwikkelingen. Al deze emissies worden gerapporteerd in het jaar van levering.
| Source of emissions | Role activity | Scope 1, 2, 3 | Scope 3 |
|---|---|---|---|
| own operation emissions | |||
| OPERATIONAL ASSETS emissions | offices, employees, leased company cars, events, ... | ||
| investor / owner | aquisition & investments asset & property management | ||
| developer | developments & project managament |
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
Dit zal resulteren in aanzienlijke variaties in de gerapporteerde emissies over de gerapporteerde jaren.
Emissies per scope (in ton CO2eq)
| Scope | Emissies |
|---|---|
| Scope 1 | 113,67 ton |
| Scope 2 | 8,68 ton |
| Scope 3 | 21.980,43 ton |
Emissies per activiteit (in ton CO2eq)
| Activiteit | Percentage |
|---|---|
| Eigen bedrijfsemissies | 99% |
| Investeringsemissies | 1% |
| Ontwikkelingsemissies | (onbekend, maar de tabel toont 78% voor "Eigen bedrijfsemissies", 5% voor "Investeringsemissies", en 17% voor "Ontwikkelingsemissies". De percentages in de tekst komen niet overeen met de grafiek. Ik behoud de tekst zoals die is.) |
Noot: De percentages in de tekst voor "Emissies per activiteit" (78% Eigen bedrijfsemissies, 5% Investeringsemissies, 17% Ontwikkelingsemissies) komen niet overeen met de visuele weergave die 99% en 1% suggereert voor Eigen bedrijfsemissies en Investeringsemissies, en de grafiek met 78%, 5%, 17% is niet volledig gelabeld. De exacte emissies per activiteit zijn: Eigen bedrijfsemissies (1.102,07 ton), Investeringsemissies (17.205,90 ton), Ontwikkelingsemissies (3.794,81 ton).
Eigen bedrijfsemissies
Onze scope 3 operationele rapportage over de uitstoot van broeikasgassen is afgestemd op boekhoudkundige cijfers om audits te vergemakkelijken en naleving van de vereisten om data en processen die worden gebruikt voor duurzaamheidsrapportage te laten verifiëren door een externe assurance provider. De invoering van CSRD is bedoeld om de reikwijdte van niet-financiële informatie die door bedrijven wordt gerapporteerd uit te breiden en ervoor te zorgen dat deze informatie consistent, relevant, vergelijkbaar, betrouwbaar en gemakkelijk toegankelijk is. Van de 15 scope 3-categorieën hebben we er in voorgaande jaren al over drie gerapporteerd: ingekochte goederen & diensten, afvalbeheer en zakenreizen. Dit jaar rapporteren we voor het eerst over het woon-werkverkeer van werknemers.
Voor de eigen operationele emissies volgt Nextensa de netto-nul-doelstelling die is vastgesteld voor scope 3 emissies in het algemeen, namelijk een reductie van 95% tegen 2050. Om de transparantie te vergroten, geven we een procentuele dekking op basis van de balans, exclusief Oostenrijk, om een duidelijker beeld te geven van onze voortgang. Voor operationele scope 3 emissies gekoppeld aan “Gekochte goederen en diensten”, heeft Nextensa een aankoopbeleid geïntroduceerd en is van plan om interne beleidslijn voor de aankoop van goederen en diensten in te voeren. In de komende jaren zal Nextensa de gegevens verder detailleren om nauwkeurigere doelen voor deze categorie vast te stellen.
Investeringsemissies: Downstream geleasede activa
De categorie ‘downstream geleasede activa’ is een van de belangrijkste categorieën voor de investeringsactiviteit en waar de grootste impact kan worden gemaakt. Dit is dan ook de categorie waarin Nextensa veel heeft geïnvesteerd de afgelopen jaren. Voor deze categorie gelden al strikte doelstellingen gekoppeld aan de CRREM die zijn afgestemd op het Akkoord van Parijs:
* Absolute vermindering van 45% tegen 2030.
* Absolute reductie van 95% tegen 2050.
Transitionplan in ton CO2eq DOWNSTREAM LEASED ASSETS
CRREM pathways (sector specific) are Paris-aligned Targets Nextensa ahead of CRREM
| Jaar | Absolute GHG emission (ton CO₂eq) | Relatieve GHG emission (kgCO₂/m²) | Doelstelling |
|---|---|---|---|
| 2021 | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) |
| 2023 | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) |
| 2030 | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | < 10kgCO₂/m² (45% reduction) | TARGET: < 5.000 ton CO₂ |
| 2035 | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) |
| 2040 | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) |
| 2045 | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | (Niet gespecificeerd in de grafiek) |
| 2050 | (Niet gespecificeerd in de grafiek) | < 2kgCO₂/m² (95% reduction) | TARGET: < 500 ton CO₂ |
Noot: De grafiek toont een schaal van 0 tot 10.000 voor absolute emissies, maar de specifieke waarden voor de jaren zijn niet duidelijk in de afbeelding. De relatieve emissies en doelstellingen zijn wel gelabeld.
Naast downstream geleasede activa houden we ook rekening met andere scope 3-categorieën:
- Gekochte goederen en diensten: Een belangrijke categorie, die de CO2-voetafdruk van alle CapEx uitgaven, kleine renovaties en diensten voor faciliteiten bevat. Omdat 2024 het eerste jaar is waarin deze categorie is berekend, moet Nextensa meer inzicht krijgen in de gegevens om de doelstellingen te verfijnen. Nextensa heeft al een geïntroduceerd inkoopbeleid en is van plan om interne beleidsregels voor de inkoop van goederen en diensten in te voeren om deze categorie te sturen in de richting van de hoofddoelstelling van netto nul voor Scope 3 emissies.
- Kapitaalgoederen: Vertegenwoordigt de embodied carbon van aangekochte gebouwen. Nextensa blijft investeren in nieuwe activa, met als doel deze te herontwikkelen tot toekomstbestendige gebouwen die in lijn zijn met de algemene ESG-strategie van Nextensa. Het verwerven van gebouwen betekent dat er in de jaren van verwerving een piek zal zijn in de uitstoot in deze categorie.
- Afval: Vertegenwoordigt de uitstoot gerelateerd aan afval van vastgoedbeheer. In deze categorie houden we rekening met het afval van Tour & Taxis dat geen deel uitmaakt van het privéafval van onze huurders. Samen met Ecosmart wordt het afval zoveel mogelijk in verschillende fracties verzameld, klaar voor recycling.
- Gebruik van verkochte producten: Staat voor de resterende levensduur emissies van verkochte gebouwen tijdens de gebruiksfase. Er zullen hoge emissies zijn in de jaren dat de gebouwen worden verkocht. Deze emissies zijn het resultaat van de strategische desinvesteringsstrategie waarmee Nextensa zich kan richten op projecten waar het een grotere impact kan hebben.
- Eindelevensduurbehandeling van verkochte producten: Vertegenwoordigt de verwachte eindelevensduurbehandeling-emissies van verkochte gebouwen en is gekoppeld aan het gebruik van verkochte gebouwen.
Nextensa’s transitieplan zorgt ervoor dat de inspanningen om de CO2-uitstoot binnen de portfolio te verminderen, in lijn zijn met de EU-doelstellingen en zullen voldoen aan de toekomstige marktverwachtingen. Er worden verschillende kaders gebruikt, afhankelijk van de scope 3-categorie die wordt gerapporteerd:
- Het GHG-protocol voor emissieboekhouding
- EU Taxonomie voor onze bijdrage aan klimaatmitigatie onder de activiteiten “Verwerving en eigendom van gebouwen”
- De CRREM-paden, die een robuust, op 1,5°C afgestemd pad bieden voor de in-use emissies, met de nadruk op operationele intensiteitsdoelen die specifiek zijn voor landen en de typologie van het gebouw en niet afhankelijk zijn van groei.
Op basis van deze kaders hebben we de belangrijkste decarbonisatie hefbomen geïdentificeerd die essentieel zijn voor het behalen van onze reductiedoelstellingen in onze investeringsactiviteiten:
-
Minimaliseren van energieverbruik: Een belangrijke focus ligt op het analyseren van wettelijke vereisten en het verbeteren van gegevensbeheer in energie- en emissietracking. Dit is cruciaal voor het beoordelen van de blootstelling van gebouwen aan strandingrisico’s, zoals de mogelijkheid dat gebouwen verouderd of in waarde dalen door klimaatverandering en veranderende regelgeving. Retrofitting-maatregelen zullen noodzakelijk zijn als onderdeel van onze voortdurende investeringsbeslissingen, gedreven door strengere regelgeving en de klimaatcrisis. Het algemene plan werd ontwikkeld na de oprichting van Nextensa in 2021 met als uitgangspunt een gedetailleerde inventarisatie van de gebouwenportefeuille op basis van leeftijd, gebruikstype, installaties, bezetting, enzovoort. Deze analyse vormde de basis voor het identificeren van een lijst met maatregelen om de CO₂-uitstoot te verminderen, waarbij prioriteit werd gegeven aan de meest energie-intensieve gebouwen rekening houdend met hun absolute verbruik, energie-intensiteit en CO₂-uitstoot. Het transitieplan is opgesplitst in een eerste kortetermijnactieplan voor 2023-2025 om investeringen te prioriteren door rekening te houden met kosten, implementatieschema’s en de verwachte impact van elke maatregel. Het doel voor 2025 is om de decarbonisatie en klimaatbestendigheid van de portefeuille te versnellen, ruim vóór de 2030-doelstelling. Dit omvat het aanpakken van de negatieve financiële risico’s die samenhangen met slechte energieprestaties en het kwantificeren van de financiële gevolgen van klimaatverandering op de gebouwenvoorraad. Om dit te ondersteunen heeft Nextensa een platform geïmplementeerd dat wetenschappelijk onderbouwde CO2-reductiepaden biedt op basis van het CRREM 1,5°C-scenario voor de gebouwenportefeuille. Het bevat ook tools voor financiële risicobeoordeling om koolstofreductiestrategieën op een kosteneffectieve manier te beheren. Het doel is om investeringen in energiezuinige renovaties te optimaliseren door bijbehorende risico’s transparant te maken en gerelateerde kansen te benutten. De energiebron en prestaties van gebouwen zijn cruciaal voor het behalen van de ambitieuze CO₂-emissiereductiedoelstellingen van Nextensa voor 2030 en 2050. Dankzij het Energy Management Platform heeft Nextensa de dekkingsgraad van de gegevens dit jaar uitgebreid tot 95% van zijn portefeuille. Op basis van dit dekkingspercentage bedraagt de totale CO₂-uitstoot afkomstig van de portefeuille van Nextensa 6.322 tCO₂eq. Deze berekening omvat emissies van aangekochte netstroom (exclusief zelfopgewekte energie), aardgas, stookolie en stadsverwarming & -koeling, die samen goed zijn voor een totaal energieverbruik van 52.480 MWh.
-
Uitbreiding van investeringen in hernieuwbare energie om de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen: Nextensa bevordert het gebruik van hernieuwbare energie door zonnepanelen te integreren, geothermische energieopslag te implementeren en netwerken te creëren voor energie-uitwisseling in projecten zoals Lake Side. Eind 2024 was de totale oppervlakte van zonne-installaties op gebouwen van Nextensa met 80% toegenomen in vergelijking met 2021, tot bijna 60.000 m². De totale geïnstalleerde capaciteit steeg naar 11.796kWp (bijna een verdubbeling vs. 2021), wat 7.099MWh aan elektriciteit opwekte, wat gelijkstaat aan het jaarlijkse elektriciteitsverbruik van bijna 2050 huishoudens en bijdroeg aan een vermindering van 3.266 ton aan CO₂-uitstoot in 2024.
-
Duurzaam gedrag van huurders aanmoedigen: Nextensa is ervan overtuigd dat huurdersbetrokkenheid een hoeksteen is van het bereiken van energie-efficiëntie in de vastgoedsector door hen in staat te stellen een actieve rol te spelen in het verminderen van hun energieverbruik in de geleasede gebouwen.# Duurzaamheidsverslag
Deze samenwerking ondersteunt niet alleen duurzaamheidsdoelen, maar verbetert ook de tevredenheid van huurders en verlaagt de operationele kosten. “Het geschatte potentieel voor energiebesparing door gedragsverandering is ongeveer 20%, maar sommige onderzoeken laten besparingen zien die kunnen oplopen tot wel een derde van het elektriciteitsverbruik. Dit is niet alleen belangrijk voor het bedrijfsresultaat van gebouweigenaren, maar het betekent ook een aanzienlijke vermindering van de uitstoot van broeikasgassen en een belangrijke hulp voor het milieu” 61. Aangezien huurders verantwoordelijk zijn voor een aanzienlijk deel van het energieverbruik, is het belangrijk dat Nextensa het bewustzijn vergroot over gedragsimpact (kleine acties zoals het uitschakelen van lichten in onbezette ruimtes, het optimaliseren van verwarming en koeling of het gebruik van energiezuinige apparaten) en de verantwoordelijkheid deelt. Door huurders te betrekken bij het energiebesparingsproces krijgen ze een gevoel van verantwoordelijkheid en wordt er beter voldaan aan het duurzaamheidsprogramma van Nextensa. Daarom is het voor Nextensa van cruciaal belang om technologie in te zetten om huurders realtime feedback te geven, zodat zij inzicht krijgen in hun energieverbruik. Zo kunnen zij weloverwogen beslissingen nemen.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
114
Investeren in ondersteunende infrastructuur en innovatie
Door middel van innovatieve oplossingen hoopt Nextensa te laten zien dat niet-energieprofessionals actief kunnen bijdragen aan de energietransitie door collaboratieve ecosystemen te bevorderen. Een belangrijk initiatief is het Energiegemeenschap-proefproject, dat in mei 2023 werd gestart op Tour & Taxis. In 2024 kreeg het project een vergunning voor 10 jaar van Brugel, de Brusselse regelgevende instantie die toezicht houdt op de prijzen van elektriciteit, gas en water. Sinds de oprichting heeft de Energiegemeenschap 117 MWh aan zonne-energie die is opgewekt in Gare Maritime, gedeeld met meer dan 40 deelnemende bewoners van Park Lane, en hen hernieuwbare elektriciteit aangeboden tegen een aantrekkelijk tarief. Dit initiatief maakt gebruik van het concept van collectieve zelfconsumptie, waardoor lokaal geproduceerde groene energie toegankelijker wordt en de CO₂-uitstoot aanzienlijk wordt verminderd. Tot nu toe heeft het 28% van het totale elektriciteitsverbruik van de deelnemende bewoners gedekt, met pieken tot 48% tijdens de zomermaanden. In de toekomst wil Nextensa het project uitbreiden met nieuwe bewoners uit Park Lane fase II, die in 2025 voltooid moet zijn.
Door de groeiende bezorgdheid over klimaatverandering en luchtvervuiling hebben elektrische voertuigen (EV) wereldwijd aan belang gewonnen. De succesvolle invoering en verspreiding van elektrische voertuigen is echter sterk afhankelijk van de ontwikkeling van een robuuste oplaadinfrastructuur. Deze infrastructuur is de levensader van het EV-ecosysteem. Om EV-eigenaars handige en betrouwbare oplaadmogelijkheden te bieden, blijft Nextensa zijn laadinfrastructuur in en rond het portfolio uitbreiden. In 2024 door vertraging in de levering van hoogspanningscomponenten heeft Nextensa haar doel niet bereikt. Niettemin, worden deze investeringen overgedragen naar 2025. In 2024 werden de laadpunten veel meer gebruikt met een gemiddeld energie-intensiteit van 3.606 kWh/laadpaal/jaar wat aangeeft dat de vraag stijgt.
62
In het snel evoluerende stedelijke landschap biedt het kruispunt van mobiliteit en duurzame energie zowel uitdagingen als kansen. Daarom nam Nextensa van 2022 tot eind 2024 deel aan het HUME-project. Het Hume Project, geleid door Flux50, loopt voorop bij het aanpakken van deze uitdagingen en biedt innovatieve oplossingen voor het integreren van multimodale e-mobiliteit met hernieuwbare energiesystemen.
Ontwikkelingsemissies
(Her)ontwikkelingsactiviteiten vertegenwoordigen onze grootste impact op het milieu. Tijdens de ontwerpfase van vastgoedprojecten hebben beslissingen van Nextensa een langdurig effect op de CO₂-uitstoot gedurende de hele levenscyclus van gebouwen. De broeikasgasemissies die gepaard gaan met de renovatie van bestaande gebouwen en de bouw van nieuwe gebouwen hebben een aanzienlijke invloed op vier belangrijke scope 3-categorieën 63:
- Kapitaalgoederen: De grondstoffen en diensten die nodig zijn voor bouw en renovatie, de embodied carbon.
- Gebruik van verkochte producten: Het energieverbruik van toekomstige bewoners in gebouwen verkocht door Nextensa, geschat over de levensduur van het gebouw van 60 jaar.
- Verwerking van verkochte producten aan het einde van hun levensduur: De emissies in verband met de verwerking van afgedankte gebouwen aan het einde van hun levensduur, met inbegrip van sloop- en deconstructieactiviteiten.
- Afval van activiteiten: De uitstoot afkomstig van de sloop van gebouwen aan het einde van hun levensduur of tijdens een grote renovatie.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
115
Om deze effecten aan te pakken, heeft Nextensa intensiteitsdoelen gesteld (specifiek per land en gebouwtypologie) voor zowel embodied als operationele emissies, omdat deze doelen groei-agnostisch zijn. Voor operationele intensiteit verwijzen we naar de CRREM-trajecten, terwijl we voor de embodied carbon de door SBTi Buildings geadviseerde richtlijnen volgen daar voor de regio’s België, Luxemburg en Oostenrijk, de regelgeving voor embodied carbon nog niet van toepassing is. Het nastreven van deze doelen tijdens de ontwerpfase resulteert in een dubbele impact, die we beschouwen als onze decarbonisatiehefbomen voor onze ontwikkelingsactiviteit 64:
-
Het energieverbruik van gebouwen minimaliseren & hernieuwbare energiesystemen installeren.
Om het energieverbruik te verminderen, moeten alle nieuwe projecten een energieprestatiecertificaat klasse A behalen, in overeenstemming met de nationale of regionale wetgeving. Sinds 2023 hanteert Nextensa nog strengere interne eisen voor projecten met een bouwaanvraag. Volgens de EU Taxonomie criteria moeten deze projecten de nationale of regionale normen voor Nearly Zero Energy Buildings (NZEB) voor primair energieverbruik met ten minste 10% overtreffen. Bovendien, zijn deze projecten ontworpen om uitsluitend hernieuwbare energiebronnen te gebruiken en verbieden ze het gebruik van fossiele brandstoffen voor verwarming en koeling om de laagst mogelijke CO2-voetafdruk te bereiken. Deze normen zijn reeds geïmplementeerd in verschillende nieuwe projecten, waaronder het Lake Side-project op Tour & Taxis en de herontwikkeling van Montree (Luxemburg) en Treemont (Brussel). -
Kiezen voor materialen met een lagere CO2-uitstoot gedurende de hele levenscyclus van het gebouw.
Het monitoren van CO2-emissies van materialen gedurende de levenscyclus van gebouwen wordt uitgevoerd met behulp van levenscyclusanalyses (LCA’s). Een LCA omvat het evalueren van de volledige levenscyclus van alle onderdelen van een gebouw, van “wieg tot graf”. Dit begint met de selectie en levering van materialen, inclusief transport, gevolgd door het bouwproces, de ingebruikname van het gebouw, onderhoud, reparatie, energie- en waterverbruik en uiteindelijk de end-of-life-fase. In deze laatste fase worden mogelijkheden voor hergebruik of recycling van componenten onderzocht om bouwafval te minimaliseren. De primaire componenten die in de LCA aan bod komen, zijn de buitenmuren (schil, structuur, afwerkingen), ramen, vloerafwerkingen, binnenmuren en het dak. Daarnaast worden ook andere bouwelementen, zoals de technische installaties, geanalyseerd. Enerzijds is het uitvoeren van een LCA een belangrijk criterium in de beoordeling voor de EU Taxonomie criteria klimaatmitigatie, anderzijds gebruikt Nextensa de gegevens om de inherente emissies van haar ontwikkelingen en renovaties te benchmarken, wegens gebrek aan nationale regelgeving. In de komende jaren zullen we bijkomende projecten analyseren en in 2024 hebben we een maximale CO2-voetafdrukintensiteitsdrempel vastgelegd voor ontwikkelingen in overeenstemming met de SBTi Buildings richtlijnen. Deze inspanningen zullen toekomstige projecten verbeteren en onze impact op het milieu verminderen, met het uiteindelijke doel om netto-nulprojecten te bereiken in 2050. De emissies die voortvloeien uit deze activiteiten worden gerapporteerd in het jaar waarin de projecten worden opgeleverd.
65
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
116
Financiering van ons transitieplan
Investeringen en financiering in de vastgoedsector zijn aanzienlijk en cruciaal om de implementatie van het transitieplan te ondersteunen. Gezien de technische en regelgevende complexiteit, bestrijken deze inspanningen een middellange- tot langetermijnhorizon voordat doelen volledig kunnen worden bereikt. Elk project of goed ondergaat daarom een strenge evaluatie tijdens de ontwerpfase om de meest effectieve oplossingen te bepalen. Bovendien vereisen de meeste projecten het bekomen van stedelijke en/of milieuvergunningen voordat de werkzaamheden kunnen beginnen. Zoals eerder beschreven is het transitieplan van Nextensa afgestemd op specifieke activiteiten:
Investering
Voor de hele Nextensa portefeuille van is het transitieplan gestructureerd in een korte termijn actieplan (2023-2025), rekening houdend met verschillende beperkingen en georganiseerd op basis van activacategorisatie:
- Gebouwen die al voldoen aan de CRREM-trajecten.
- Gebouwen die beperkte verbeteringen vereisen.
- Gebouwen die aanzienlijke investeringen vereisen.
- Activa gepland voor herontwikkeling, die vervolgens worden geherclassificeerd onder Nextensa’s ontwikkelingsactiviteiten.# Duurzaamheidsverslag
Binnen elk gebouw worden investeringen geprioriteerd volgens de volgende hiërarchie, afgestemd op de hierboven genoemde decarbonisatiehefbomen: Energieverbruik verminderen: De isolatie verbeteren, technische installaties upgraden en de efficiëntie verhogen. Investeren in hernieuwbare energie en hulpbronnen: Inzetten van hernieuwbare systemen voor verwarming en elektriciteitsproductie, regenwaterterugwinning, enz. Het energieverbruik van bewoners optimaliseren: Actief energiebeheer implementeren via realtime bewaking en regeling. Bredere duurzaamheidsinspanningen ondersteunen: Het ontwikkelen van infrastructuur om belanghebbenden te helpen negatieve milieueffecten te minimaliseren, zoals het uitbreiden van slimme oplaadstations voor elektrische voertuigen. Op basis van dit plan werd het CapEx-budget voor 2023-2025 als volgt toegewezen: 48% voor in hernieuwbare energie investeringen. 34% voor het verminderen van het energieverbruik van gebouwen. 5% voor actieve beheersystemen. 13% voor andere duurzame investeringen. Als gevolg hiervan werden in 2024 belangrijke acties geïmplementeerd. In Hangar (België) en Knauf Shopping Centre (Luxemburg) werden nieuwe zonnepanelen op de respectieve daken geplaatst. De grootste CapEx-investering in 2024 was echter gericht op Royal Depot en de Sheds, waarbij deze historische Brusselse erfgoedlocaties werden omgebouwd tot duurzamere gebouwen met een geschatte jaarlijkse besparing van 500 ton CO2 vanaf 2025.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
117
67
E1-1-16
f g
Gare Maritime - België
Ontwikkeling:
Het transitieplan voor ontwikkelingsactiviteiten bestrijkt een langere tijdshorizon (minimaal vijf jaar), rekening houdend met de duur van de ontwerpfase tot aan de oplevering van het project. Bijvoorbeeld, de residentiële ontwikkeling Park Lane op Tour & Taxis waarvoor in 2017 een stedenbouwkundige vergunning werd verkregen, is nog steeds in aanbouw. Het project bestaande uit meer dan 800 appartementen, een ondergrondse parkeergarage met meer dan 900 plaatsen, openbare voorzieningen en winkels zal in 2025 afgerond zijn waarbij reeds 80% van de eenheden is verkocht of gereserveerd.
Om aan de veranderende marktverwachtingen te voldoen, integreert Nextensa de duurzaamheidscriteria van de EU in haar ontwikkelingsproces en zorgt zo voor afstemming op de klimaatdoelstellingen. De EU Taxonomie wordt gezien als een strategische kans, met name vanwege de Substantiële Bijdrage aan de criteria van Klimaatmitigatie. Sinds 2023 is naleving van deze regelgeving een minimumvereiste voor alle nieuwe ontwikkelingen en ingrijpende renovaties. Het criterium voor een substantiële bijdrage houdt in dat de primaire energievraag (PED) van nieuwe gebouwen ten minste 10% lager moet zijn dan de drempelwaarden van NZEB (Nearly Zero Emission Building).
Als onderdeel van het bredere kader voor duurzame financiering vergroot de EU Taxonomie de transparantie en verantwoordingsplicht, beïnvloedt financiële instellingen en stuurt het investeringsgedrag aan, met een positieve impact op bedrijfsmodellen die voldoen aan de EU Taxonomie. Naast externe financiering zorgt Nextensa ervoor dat het over het nodige eigen vermogen beschikt om zijn duurzaamheidsacties te financieren via een strategisch verkoopprogramma voor nieuw ontwikkelde eenheden en een desinvesteringsbeleid. Zo verkocht Nextensa het winkelgebouw Brixton in 2024, ondanks investeringen in duurzame energie-upgrades in 2022. Het is belangrijk om op te merken dat geen van Nextensa’s CapEx-investeringen verband houden met kolen-, olie- en gasgerelateerde economische activiteiten en dat we niet zijn uitgesloten van de EU-benchmarks vastgelegd in het Akkoord van Parijs.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
118
68
E1-1-16
d l
69
E1-IRO-1-20
a
70
E1-1-16
h l
71
E1-1-16
i
(c) Locked-in broeikasgasemissies
Er kunnen aanzienlijke emissies optreden bij de aankoop of verkoop van activa, aangezien de emissies die gepaard gaan met de bouw en exploitatie als “locked-in” worden beschouwd. Dit kan resulteren in verhoogde CO2-pieken voor Nextensa, wat wordt weerspiegeld in onze cijfers en de algemene emissiereductiedoelstellingen beïnvloedt. Na aankoop ondergaan nieuw verworven activa een herontwikkeling om hun toekomstige adaptatie te vergroten en hun ecologische voetafdruk zoveel mogelijk te minimaliseren. Als onderdeel van onze dubbele materialiteitsanalyse hebben we meer inzicht gekregen in onze belangrijkste feitelijke en potentiële positieve en negatieve impacten op klimaatverandering en emissies. In de komende jaren zullen we een diepgaandere beoordeling uitvoeren van onze locked-in emissies en onze bevindingen in het volgende verslag presenteren.
(d) Ons transitieplan afstemmen op onze algemene bedrijfsstrategie en financiële planning
“Een opgeschreven DROOM met een datum wordt een DOEL. Een doel opgedeeld in stappen wordt een PLAN. Een plan ondersteund door actie wordt REALITEIT.” Greg Reid
De visie van Nextensa is diep geïntegreerd in de ESG-strategie en de algemene bedrijfsstrategie, waardoor het bedrijf zich positioneert als een invloedrijke, vooruitstrevende en verantwoordelijke vastgoedspeler. We zetten ons in om projecten op te leveren die een aanzienlijke maatschappelijke waarde genereren, ten gunste van zowel de gemeenschap als het milieu. Onze ambitie is om een betrouwbare en veerkrachtige vastgoedleider te zijn, die in staat is om complexiteit te managen door middel van innovatieve en hoogwaardige oplossingen die een positieve invloed hebben op onze lokale omgeving.
Transitiedplanning is essentieel om duidelijke doelen te stellen voor de komende jaren, en onszelf te voorzien van de vaardigheden, kansen en middelen die nodig zijn om onze doelen te bereiken. Op basis van een beoordeling van klimaatgerelateerde risico’s, kansen en onze uitstootvoetafdruk hebben we strategische hefbomen geïdentificeerd die ons naar een klimaatbestendig bedrijfsmodel met een lage broeikasgasemissies zullen stuwen. Nextensa heeft al belangrijke stappen ondernomen om kansen te benutten, toekomstige risico’s te minimaliseren en de waarde op lange termijn te waarborgen, niet alleen voor het bedrijf zelf, maar ook voor onze belanghebbenden, de maatschappij, de economie en de natuurlijke omgeving waarvan we afhankelijk zijn. Door de impact van deze acties nauwlettend te monitoren, nemen we datagestuurde beslissingen die in lijn zijn met onze doelen, doelstellingen en targets. De integratie van gegevens en analyses in onze besluitvormingsprocessen zorgt ervoor dat de transformatieve impact van ons bedrijf sterk blijft en positieve verandering blijft stimuleren.
Dit plan evalueert onze huidige positie en gebruikt de analyse van klimaatgerelateerde risico’s en kansen als basis om de bredere bedrijfsstrategie te ondersteunen en naleving van de CSRD en EU Taxonomie te garanderen. Het versterkt ons streven om de waarde op lange termijn te beschermen en te vergroten. Ons transitieplan om de klimaatverandering te beperken bestaat uit een goed gestructureerde reeks doelen en acties voor zowel gebouwbeheer- als ontwikkelingsactiviteiten. Deze plannen zijn diep verankerd in onze strategische besluitvorming en ons bedrijfsmodel en zorgen ervoor dat we een zinvolle bijdrage leveren aan het beperken van klimaatverandering en tegelijkertijd onze financiële en operationele doelen bereiken.
Het transitieplan voor de beperking van klimaatverandering, dat ons beleid concretiseert, is goedgekeurd door onze Raad van Bestuur. Ondersteuning op directieniveau zorgt ervoor dat het transitieplan volledig is ingebed in alle bedrijfsonderdelen, afdelingen en functies binnen de organisatie. Het ontwikkelen en uitvoeren van een transitieplan vereist input en gecoördineerde actie van een groot aantal afdelingen en functies, elk met duidelijk gedefinieerde rollen en verantwoordelijkheden. Het ESG-comité is, naast haar strategische adviesrol, verantwoordelijk voor het waarborgen dat de verantwoordelijkheid voor het transitieplan binnen het hele bedrijf wordt geïntegreerd. Het ESG-comité ondersteunt teams met duidelijke richtlijnen, monitort de evolutie, stemt acties af en rapporteert de resultaten aan het Executief Comité, dat de voortgang beoordeelt en indien nodig aanpassingen overweegt.
71
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
119
72
E1-4-30, 31, 32, MDR-T 3.2.1.3
DOELEN
We hebben ambitieuze doelen gesteld om de doelstellingen van ons beleid en transitieplan te behalen op weg naar netto nul emissies. Nextensa is toegewijd aan het monitoren en minimaliseren van de milieu-impact van haar activiteiten, projecten en eigendommen om haar CO2-voetafdruk te verkleinen en klimaatverandering tegen te gaan.
Onze boekhouding van broeikasgasemissies volgt het GHG-protocol, beginnend met het identificeren van emissiebronnen en -grenzen. In 2022 voerde Nextensa een inventarisatie uit op basis van de Operational Control Approach, afgestemd op de klimaatwetenschap voor het verminderen van emissies met betrekking tot nulberekeningen. Als er eenmaal een emissiedoel is gesteld, is het essentieel om de prestaties in de loop van de tijd voortdurend bij te houden om vooruitgang te garanderen. Door zich te verbinden aan een netto nul-doelstelling voor scope 1 & 2 emissies tegen 2030, toont Nextensa leiderschap in klimaatactie, door de duurzaamheidsdoelstellingen van het bedrijf af te stemmen op wetenschappelijk vastgestelde drempelwaarden.
De scope 1 en 2 emissies van Nextensa zijn relatief eenvoudig en omvatten het energieverbruik in de kantoren, op bouwplaatsen en voor de bedrijfsvoertuigen.# Duurzaamheidsverslag
Sinds de verhuizing van de Belgische kantoren naar één duurzaam hoofdkantoor zijn gas- en elektriciteitsverbruik niet langer de primaire emissiebronnen. In plaats daarvan is de mobiele verbranding van bedrijfsvoertuigen de grootste bijdrage aan de CO2-emissies van Nextensa geworden. Scope 3-emissies zijn verantwoordelijk voor het grootste deel van de impact van Nextensa, maar zijn ook het moeilijkst te meten. Ze omvatten emissies van Nextensa’s eigen activiteiten, investeringsportefeuille en ontwikkelingsactiviteiten, waardoor nauwkeurige tracking en reductieinspanningen complexer worden. De screeningoefening van 2022 leidde tot een CO2-mapping voor Nextensa, waarbij de scope 3-activiteiten met de hoogste emissies, het grootste reductiepotentieel en de grootste relevantie voor de bedrijfsdoelstellingen werden geïdentificeerd. Deze mapping vormt de basis van het stappenplan dat Nextensa volgt om de rapportage over scope 3-emissies in de loop van de tijd uit te breiden. In 2024 voerden we in samenwerking met Climact een scope 3 sanity check om de volledigheid en consistentie van de gegevens te waarborgen.
Scope 3 emissies in kaart brengen
De emissiemapping evalueert categorieën op basis van:
- Omvang: Hun bijdrage aan de totale scope 3-emissies van Nextensa.
- Invloed: Potentieel voor Nextensa om reducties door te voeren of te beïnvloeden.
- Risicoblootstelling: Hun bijdrage aan de blootstelling van Nextensa aan klimaatveranderingsgerelateerde risico’s, waaronder financiële risico’s, regelgevingsrisico’s, risico’s voor de toeleveringsketen, product- en technologierisico’s en reputatierisico’s.
- Belang voor belanghebbenden: Belang voor de belangrijkste belanghebbenden.
- Relevantie voor de sector: Richtlijnen specifiek voor de vastgoedsector.
- Financiële impact: Posten met hoge uitgaven of hoge inkomsten zijn gecorreleerd met emissies.
De categorieën die het meest relevant zijn voor de doelstellingen van Nextensa krijgen meer aandacht. De primaire doelen bij het ontwikkelen van deze scope 3-inventarisatie waren echter om:
- Risico’s en kansen met betrekking tot emissies in de waardeketen identificeren en begrijpen.
- Mogelijkheden voor broeikasgasreductie identificeren, reductiedoelen vastleggen en prestatie monitoren.
- Partners in de waardeketen betrekken bij het beheer van broeikasgassen.
In de mapping wordt ook onderscheid gemaakt tussen “Beste gegevens” en “Alternatieve gegevens”, waarbij prioriteit wordt gegeven aan primaire gegevens uit bronnen zoals meterstanden, inkoopgegevens, energierekeningen, directe monitoring of balansen om gegevens te verkrijgen van specifieke activiteiten binnen de waardeketen van Nextensa.
Gebaseerd op de scope 3-mapping, worden elk jaar:
- Aanvullende categorieën overwogen, het bepalen van de juiste methodologie, het evalueren van beschikbare gegevens (intern of van belanghebbenden), het verifiëren van nauwkeurigheid, het definiëren van grenzen en het uitvoeren van analyses voor rapportage.
- Bestaande gerapporteerde categorieën worden voortdurend verfijnd, waarbij specifiekere methoden worden toegepast die de gegevenskwaliteit verbeteren. Hoewel deze methoden de nauwkeurigheid verbeteren, vergen ze vaak meer tijd en middelen. De beste methode voor elke categorie hangt af van verschillende factoren die hieronder worden beschreven.
In de eerste jaren van het verzamelen van scope 3-gegevens zal, vanwege de beperkte beschikbaarheid van gegevens, moeten worden overwogen of categorieën met gegevens van relatief lage kwaliteit moeten al dan niet worden gerapporteerd. Volgens het GHG-protocol moeten bedrijven, als veranderingen in de gegevenskwaliteit de emissieschatting aanzienlijk beïnvloeden, de emissies voor het referentiejaar opnieuw berekenen met de nieuwe gegevensbronnen. Daarom kan het voorzichtiger zijn om te rapporteren zodra de kwaliteit van gegevens is verbeterd. Het verzamelen, beoordelen en verbeteren van gegevens is echter een doorlopend, iteratief proces. Nextensa streeft ernaar de kwaliteit van zijn emissiegegevens in de loop van de tijd voortdurend te verbeteren door gegevens van lagere kwaliteit te vervangen door gegevens van hogere kwaliteit naarmate deze beschikbaar komen. Nextensa zal met name prioriteit geven aan het verbeteren van de gegevenskwaliteit voor activiteiten met hogere emissies.
Om een balans te vinden tussen kosten, complexiteit en nauwkeurigheid, selecteert Nextensa door het GHG-protocol goedgekeurde berekeningsmethoden op basis van:
- Beschikbaarheid van gegevens.
- Gegevenskwaliteit.
- Kosten en moeite die nodig zijn om de methode toe te passen.
Reductiedoelstellingen kunnen worden gerapporteerd zodra een categorie voldoende in kaart is gebracht. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de doelstellingen van Nextensa met betrekking tot emissiereducties voor de scopes 1, 2 en 3 voor de verschillende activiteiten:
Huidige doelstellingen
| Business Unit | Target | Boundary | GHG Protocol category | 2030 | 2050 | Type doelstelling | Paris Aligned |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Own Operations | Target | Scope 1+2 | Directe emissies en indirecte emissies van ingekochte energie | Netto nul (absolute reductiedoelstelling 95% t.o.v. 2021) | Netto nul (absolute reductiedoelstelling 95% t.o.v. 2021) | High level commitment | ja |
| Own Operations | Target | Scope 3 | Purchased goods & services | Netto nul (absolute reductiedoelstelling 95% t.o.v. 2021) | Netto nul (absolute reductiedoelstelling 95% t.o.v. 2021) | High level commitment | ja |
| Investments | Target | Scope 3 | Downstream Leased Assets | Op CRREM afgestemde emissiedoelstelling (absolute reductiedoelstelling 45% t.o.v. 2021) | Op CRREM afgestemde emissiedoelstelling (absolute reductiedoelstelling 5% t.o.v. 2021) | Industriestandaard 1.5°C-uitgelijnd pad | ja |
| Development | Target | Scope 3 | Capital Goods | Kantoren: embodied carbon intensiteit in lijn met SBTi Buildings | idem | Intensiteitsdoelstelling voor embodied carbon | ja |
| Development | Target | Scope 3 | Capital Goods | Residentieel: 25% van de opgeleverde m2 in lijn met SBTi Buildings | idem | Intensiteitsdoelstelling voor embodied carbon | neen |
Nextensa heeft 2021 vastgesteld als referentiejaar voor de scopes 1, 2 en 3 emissies (enkel voor de categorie ‘Downstream Leased Assets’), en deze referentie is ongewijzigd gebleven sinds de vorige verslagperiode, in lijn met de geïntegreerde emissiereductiestrategie van het bedrijf. De doelen in de tabel zijn direct gekoppeld aan onze materiële impact, risico’s en kansen, met name onder het hoofdthema “Energie- en emissiebeheer”. Om deze doelen te bereiken, zijn de decarbonisatiehefbomen en de bijbehorende acties, die in de volgende sectie worden beschreven, van cruciaal belang.
Stakeholders spelen een essentiële rol bij het bepalen van deze doelstellingen: we werken samen met een aantal stakeholderscategorieën, zoals leveranciers en huurders, om gegevens te verzamelen, wat de nauwkeurigheid van onze emissieberekeningen helpt te verbeteren. Deze betrokkenheid is in lijn met het duurzame inkoopbeleid van Nextensa, dewelke als doel heeft om het bewustzijn van onze ESG-strategie te promoten en het bevorderen van duurzaamheid in de hele toeleveringsketen.
Aanvullende relevante kaders
| Kader | Business Unit | Target | Boundary | Type |
| :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- |
| Investment | Target | Scope 3.13 | Emissies van gebouwen | • Afstemming op intensiteitsdoelstelling (kgCO2e/m2) | • Specifiek voor land en gebouwtype | • Trajecten zijn afgestemd op 1.5°C-scenario en tevens gebruikt door andere standaarden (bv. SBTi) • Afgestemd sectorale praktijken | Idem |
| Development | Target | CAPEX/Omzet | Alle in aanmerking komende nieuwbouw | Afstemmen op EU-Taxonomie substantiële bijdrage Klimaatmitigatie | • Voor investeerders relevante doelstelling, aangezien bedrijven met activiteiten die op de EU Taxonomie afgestemd zijn, beschouwd worden als bedrijven die bezig zijn met de transitie of netto nul • Officiële norm en verstrekte zekerheid | Idem |
| Development | Target | Alle in aanmerking komende renovaties | - | - | - | SBTi guidance | Idem |
| Operations | Target | Scope 1 + 2 | - | Netto nul standaard voor bedrijven: • Absolute contractiedoelstelling • Zowel korte- als langetermijndoelstelling | • Erkend door CSRD om afstemming op de doelstellingen van het Akkoord van Parijs aan te tonen (gebaseerd op 1.5°-carbon budgetten) • Erkend door investeerders en ratingsbureaus • Internationaal gebruikt | Idem |
| Development | Target | Use-phase | Richtlijnen voor gebouwen | • Intensiteit in gebruik (kgCO2e/m2 doelstellingen) | • Gebaseerd op CRREM-paden | Idem |
| Development | Target | Embodied carbon | Richtlijnen voor gebouwen | • Intensiteit embodied carbon (kgCO2e/m2 doelstellingen) | • Gebaseerd op gedownscalede 1,5°-parameters | Idem |
ACTIES
Belangrijkste acties in 2024
We hebben verschillende acties geïmplementeerd en middelen toegewezen om klimaatverandering en de bijbehorende materiële gevolgen, risico’s en kansen aan te pakken. Hieronder koppelen we onze belangrijkste acties voor 2024 aan onze decarbonisatiehefbomen en categoriseren we ze in twee groepen: de acties die in het rapportagejaar zijn geïmplementeerd, samen met de doelstelling om de effectiviteit van de actie te volgen, en of deze de actie in de toekomst verder moet gepland worden, met de verwachte resultaten. Hoewel deze tabel de belangrijkste acties benadrukt die in 2024 zijn ondernomen, implementeren we al jaren actief duurzaamheidsinitiatieven, waarvan er veel vandaag de dag nog steeds een significante impact hebben.# Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
124
Al deze acties maken deel uit van een doorlopend proces gestart in de afgelopen jaren en dat we in de toekomst zullen blijven prioriteren om ervoor te zorgen dat we onze bredere doelen bereiken. Onze acties zijn van toepassing op alle landen waarin we actief zijn en bestrijken onze hele waardeketen. Acties die bijvoorbeeld zijn ondernomen om “duurzaam gedrag aan te moedigen” zijn gericht op onze downstream belanghebbenden, terwijl acties die zijn gekoppeld aan “Kiezen voor materialen met een lagere CO2-uitstoot gedurende de hele levenscyclus van een gebouw” gericht zijn op onze leveranciers en upstream belanghebbenden.
Zoals de meeste organisaties is het vermogen van Nextensa om acties uit te voeren afhankelijk van de beschikbaarheid en toewijzing van middelen. Om dit aan te pakken, hebben we een kortetermijnplan ontwikkeld voor de investeringsportefeuille waarmee we duurzaamheidsinvesteringen kunnen prioriteren en geldelijk maken, door ze af te stemmen op onze financiële en zakelijke prioriteiten. Deze aanpak zorgt ervoor dat we geen kritieke acties over het hoofd zien en helpt ons te focussen op initiatieven die zowel direct effect als langetermijnwaarde genereren. Meer informatie over de toegewezen middelen is te vinden onder de paragraaf “Financiering van ons transitieplan” en in het CapEx-luik in het gedeelte van de EU Taxonomie.
Decarbonisatie- hefboom
Belangrijkste acties in het verslagjaar
| Belangrijkste acties in het verslagjaar | Actie in 2024 | Actie verder in de toekomst gepland | Doel om effectiviteit van de actie te volgen [1] | Bereikte of verwachte resultaat [2] |
|---|---|---|---|---|
| Eigen activiteit als bedrijf Verbeteren van het mobiliteitsbeleid | Afname van het aantal bedrijfswagen die op brandstof rijden | x | x | Netto-nul voor 2028 Vermindering van scope 1 emissies |
| Minder energieverbruik en CO2-uitstoot eigen kantoren | Verhuizen van onze kantoren in Luxembrug naar een kleiner oppervlakte | x | Netto-nul voor 2030 Vermindering van scope 1 en 2 emissies | |
| Gebouwbeheer (investment) Energieverbuik minimaliseren | Gasketels vervangen door warmtepompen voor Royal Depot | x | Intensiteitsdoelstelling en emissiedoelstelling volgens het CRREM-traject (volgens gebouwtypologie en locatie) | Lagere operationele emissies vanwege energieverbruik |
| Hergebruik van ontmantelde koelsystemen in Royal Depot (Sheds) | x | Verbeterde energie-efficiëntie in slechtst presterende gebouwen, waardoor financiële risico’s worden beperkt | ||
| Gasgestookte luchtbehandelingssystemen vervangen door AHU's met geïntegreerde warmtepomp in Royal Depot (Sheds) | x | Optimalisatie van energieprestaties door efficiënte verwarming en koeling in de Mot en plaatsen van een warmtepompboiler | ||
| Verbeteren van de energie-efficientie LED-herverlichtingsprogramma in de parkeergarage van Hangar | x | |||
| Implementeren van Dnergy deep programma | x | |||
| Energiebeheerplatform | x | x | Monitoren en verhogen van de dekkingsgraad van de verbruikgegevens |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
125
Decarbonisatie- hefboom
Belangrijkste acties in het verslagjaar
| Belangrijkste acties in het verslagjaar | Actie in 2024 | Actie verder in de toekomst gepland | Doel om effectiviteit van de actie te volgen [1] | Bereikte of verwachte resultaat [2] |
|---|---|---|---|---|
| Aanbod hernieuwbare energie uitbreiden | Zonnepanelen installeren | x | x | Stijging % van verbruik uit zelf opgewekte energie • Verhoogd gebruik van aandeel hernieuwbare energie in de hele portefeuille • Vermindering van Scope 3 emissies |
| Duurzaam verbruiksgedrag stimuleren | Implementeren van innovative piloot projecten (e.g Energy community, Hume, etc) | x | x | Nieuwe bedrijfsmodellen ontwikkelen door innovatieve ideeën in te zetten die duurzaam gedrag stimuleren |
| Investeren in ondersteunend infrastructuur | Partnerschap onderzoeken om ESCO op te richten | x | x | • Verhoogd gebruik van aandeel hernieuwbare energie • Vermindering van Scope 3 emissies |
| Investeren in EV laadstations | x | x | ||
| Development activiteiten Minimaliseren van energieverbruik van gebouwen & installeren van hernieuwbare energiesystemen | Voorrang geven aan groene stroom voor nieuwe ontwikkelingen | x | x | Intensiteitspaden van CRREM en SBTi Buildings richtlijnen volgen Meer gebruik maken van hernieuwbare energie in alle projecten |
| Integratie van fossielvrije alternatieven (bijv. geothermie, warmtepompen, neutrale energienetten) | x | x | Vermindering van Scope 3 emissies | |
| Kiezen voor materialen met een lagere CO2-uitstoot gedurende de hele levenscyclus van het gebouw | Kies voor "bio-based" materialen (bijv. houten structuur in plaats van beton of staal) | x | x | Vermindering van embodied en operationele CO2-uitstoot in nieuwe gebouwen |
| Het opnemen van de rsultaten LCA's voor CO2-emissie optimalisatie in nieuwe constructies | x | x |
[1] E1-3-29 a. [2] E1-3-29 b.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
126
74 E1-SBM-3-19 b l 75 E1-SBM-3-19 a (b) Klimaatbestendigheidsanalyse
Het integreren van relevante en materiële klimaatfactoren in bedrijfsstrategie, besluitvorming en operationele processen is essentieel voor het stimuleren van duurzame prestaties op de lange termijn en waardecreatie. In juli 2024 voerde Nextensa in samenwerking met zijn meerderheidsaandeelhouder AvH en ondersteund door PwC zijn eerste (Climate Change Risks and Opportunities) CCRO-oefening uit aan de hand van drie verschillende klimaatscenario’s 74 . Het doel van dit initiatief was om de impact van zowel fysieke klimaatrisico’s als klimaattransitierisico’s en -kansen op Nextensa te beoordelen. Hierbij werd geëvalueerd hoe deze het bedrijf financieel, operationeel, wettelijk, enz. zouden kunnen beïnvloeden en een kader op te bouwen op basis van de bevindingen. Dit omvatte het in overweging nemen van de gevolgen van klimaatverandering in de interne financiële planning en het implementeren van passende mitigatie- en adaptatiemaatregelen om potentiële risico’s aan te pakken. Deze analyse werd uitgevoerd op één geselecteerd project waarop de methodologieën en rapportagetools die in bedrijfsprocessen kunnen worden geïntegreerd getest konden worden. 75
Aangezien Nextensa nog niet in aanmerking komt voor de CSRD-rapportagevereisten en meer bepaald in het kader van ESRS E1, dat vereist dat bedrijven een kwalitatieve en kwantitatieve CCRO-beoordeling ontwikkelen, zal Nextensa hieromtrent momenteel nog geen gedetailleerde informatie verstrekken. Niettemen heeft dit eerste project het bewustzijn vergroot en voorbeelden gegeven van hoe de geïdentificeerde risico’s en kansen financieel kunnen worden gekwantificeerd voor een adequate waardecreatie bij de algemene strategische besluitvorming.
Process
- Climate hazard (event)
- Risk / opportunity driver
- Transmission channels (drivers)
- Unmitigated business impact (qualitative)
- Business materiality (qualitative and quantitative)
- Management mechanisms
- Residual risks and opportunities conclusions
Identify adaptation & mitigation measures
INPUT
This process was completed for: each climate scenario, for each time horizon , considering both your own operations and value chain
Overview of different climate scenarios
| Phisical scenarios | Not applicable |
|---|---|
| IEA NZE 1.5°C | SSP2-4.5 2.7°C |
| IEA STEPS 2.5°C | SSP5-8.5 >4°C |
| Not applicable |
| A Low-emissions | B Middle-of-the-road | B High-emissions | |
|---|---|---|---|
| Scenarios | Transition scenarios |
SSP = Shared Socioeconomic Pathways (Scenario derived from the IPCC)
IEA = International Energy Agency (Scenario derived from the International Energy Agency)
There are anticipated to be limited to no physical risks associated with the low-emissions scenario
*There are anticipated to be limited to no transition risks associated with the high-emissions scenario
Time horizons: Short term = 2023 / Medium-term = 2040 / Long term = 2050
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
127
76 E1-IRO-1-20 b) i, E1-IRO-1-21 l 77 E1-SBM-3-19 b l 78 BP2-9 l 79 E1-SBM-3-19 a 80 E1-SBM-3-18 l 81 E1-SBM-3-19 c l 82 E1-IRO-1-20 b) i ii c) i ii l 83 E1-SBM-3-19 c
In dit project zijn drie klimaatscenario’s onderzocht. Het lage-emissiescenario, vereist door de CSRD, vertegenwoordigt de “best case outcome” en wat wereldwijd zou moeten worden nagestreefd; hoewel sommige regio’s over de hele wereld de opwarmingsdrempel van 1,5°C al hebben overschreden. Het “midden van de weg”-scenario van het IPCC, optioneel onder de CSRD, werd beschouwd als het meest waarschijnlijke op basis van de huidige trends in klimaatactie. Ten slotte het “scenario met hoge emissies”, dat ook verplicht is volgens de CSRD en afgeleid is van het IPCC, wordt gezien als de slechtst denkbare uitkomst, maar wordt steeds onwaarschijnlijker door de toenemende klimaatregelgeving. 76
Deze analyse heeft de paraatheid verbeterd door het inzicht in de mogelijke klimaatgevolgen in elk scenario te verbeteren. Het evalueren van broeikasgasemissies voor verschillende scenario’s helpt bij het beoordelen van risico’s, het testen van veerkracht en het ondersteunen van langetermijnplanning. Deze scenario’s werden geanalyseerd voor de korte termijn (2030), middellange termijn (2040) en lange termijn (2050) 77 . Deze tijdshorizon verschilt van de intervallen die zijn vastgelegd door ESRS1 6.4, die we volgen voor onze dubbele materialiteitsanalyse, omdat deze beter zijn afgestemd op de bouwcycli. Bovendien manifesteren de fysieke risico’s en transitierisico’s die samenhangen met klimaatverandering zich doorgaans over langere perioden 78 . In totaal werden 28 klimaatgevaren beoordeeld, variërend van acute tot chronische risico’s, met een focus op de zeven meest kritieke: zeespiegelstijging, hittestress, cyclonen, droogte, overstromingen, hittegolven en bosbranden.# Duurzaamheidsverslag
Daarnaast hebben we de transitierisico’s en -kansen geëvalueerd in vijf belangrijke categorieën: beleid en wetgeving, markt, reputatie, technologie en zakelijke kansen. Dit omvatte ook een analyse van factoren zoals veranderend klantengedrag (downstream) en stijgende grondstofkosten (upstream), waardoor een uitgebreide beoordeling van klimaatgerelateerde risico’s en kansen in de hele waardeketen werd gegarandeerd.
Uit de projectresultaten kwamen de volgende materiële klimaatrisico’s en -kansen naar voren:
- Klimaatgerelateerde fysieke risico’s (risico’s die het gevolg zijn van gebeurtenissen (acuut) of van verschuivingen op langere termijn (chronisch) in klimaatpatronen) met betrekking tot wind- en watergevaren.
- Klimaatgerelateerde transitierisico’s (risico’s die voortvloeien uit de overgang naar een CO2-arme en klimaatbestendige economie): beleids- en wettelijke risico’s (hogere prijs van broeikasgasemissies, mandaten voor en regulering van bestaande processen, hogere kosten van elektriciteitsprijzen), technologierisico’s (in verband met de overgang naar technologie met lagere emissies), marktrisico’s (hogere kosten van grondstoffen).
- Kansen (de potentiële voordelen die voortvloeien uit inspanningen om de klimaatverandering te beperken en aan te passen) zijn gekoppeld aan het gebruik van CO2-arme energie-bronnen.
De geïdentificeerde risico’s en kansen worden op twee manieren beoordeeld:
- Inherente of bruto risico’s en kansen (voordat enige mitigatie- of adaptatiemaatregelen worden toegepast), zoals vereist door de CSRD.
- Resterende risico’s en kansen (na afweging van de impact van reeds genomen maatregelen).
Inzicht in beide helpt Nextensa zijn processen effectief te beheren en de daadwerkelijke impact van zijn mitigatie-inspanningen te volgen.
Deze klimaatbestendigheidsanalyse biedt belangrijke inzichten om de verzameling van klimaatgegevens in alle projectfasen te verfijnen, inclusief de fase voorafgaand aan de bouw. Geïdentificeerde materiële risico’s en kansen zullen helpen bij het prioriteren van financiële middelen. De bevindingen zullen Nextensa ook helpen om te voldoen aan de CSRD- rapportagevereisten, die een kwalitatieve beoordeling in jaar 2 en een kwantitatieve beoordeling in jaar 4 voorschrijven.
Omdat Nextensa het belang van vroegtijdige actie erkent, gebruikt het sinds 2022 de EU- taxonomie om klimaatgerelateerde gevaren op projectniveau te definiëren. Deze regeling legt de nadruk op prioritaire risico’s, zoals temperatuur-, wind-, water- en vaste-massa-gerelateerde gevaren, die een aanzienlijke impact hebben op gebouwen en hun gebruikers.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
3.2.1.5 Maatstaven
(a) Energieverbruik en energie-mix
Voor het rapporteren van het energieverbruik houdt Nextensa rekening met dezelfde perimeter die wordt toegepast voor het rapporteren van Scope 1 en 2 emissies conform de GHG-Protocol. De kwantitatieve energie gerelateerde informatie wordt gerapporteerd in MWh. De totale energie vertegenwoordigt alle energie afkomstig van brandstoffen en elektriciteit die door Nextensa wordt verbruikt in haar operationele activiteiten. De totale energie is opgesplitst in fossiele en hernieuwbare bronnen. Fossiele bronnen omvatten brandstoffen (aardolieproducten en aardgas) en elektriciteit verkregen uit niet-hernieuwbare bronnen. Hernieuwbare bronnen omvatten verbruikte elektriciteit die enerzijds wordt opgewekt door zonnepanelen die op de kantoorgebouwen van Nextensa zijn geïnstalleerd. Anderzijds, de aangekochte elektriciteit waarvoor overeenkomsten met de leverancier zijn vastgelegd om energie te leveren die wordt geproduceerd door een proces van energieopwekking dat van hernieuwbare aard is.
(b) Bruto scope 1-, 2-, 3-emissies en totale broeikasgasemissies
In dit verslag zijn directe vergelijkingen van cijfers slechts mogelijk voor scope 1 en een deel van scope 2 en de 3-categorieën. Dit is te wijten aan wijzigingen in de berekeningsmethoden of de toevoeging van categorieën waarmee in het verslag van vorig jaar geen rekening was gehouden. Aangezien dit het eerste jaar is dat we onder het ESRS rapporteren, zijn er in dit stadium geen fouten in de rapportage over voorgaande perioden die verklaart moeten worden.
Wat de waardeketen betreft, zijn er geen significante wijzigingen aangebracht aan de definitie van Nextensa’s rapporteringsbereik of zijn upstream- en downstreamwaardeketen. Nextensa blijft zich baseren op de grenzen van de waardeketen zoals gedefinieerd in de dubbele materialiteitsanalyse van 2023.
De meest relevante scope 3 categorieën voor onze activiteiten zijn:
- Voor onze eigen activiteiten (operationele emissies) kijken we naar Gekochte goederen en diensten (3.1), Afvalbeheer (3.5), Zakelijk reisverkeer (3.6) en het Woon-werkverkeer van werknemers (3.7).
- Voor onze investeringsactiviteiten (Investment) houden we rekening met downstream geleasede activa (3.13), Gekochte goederen en diensten (3.1), Kapitaalgoederen (3.2), Afval geproduceerd bij activiteiten (3.5), Gebruik verkochte producten (3.11) en End-of-life- verwerking van verkochte producten (3.12).
- Voor onze ontwikkelingsactiviteiten (Development) houden we rekening met Kapitaalgoederen (3.2), Afval geproduceerd bij activiteiten (3.5). Gebruik verkochte producten (3.11) en End-of- life-verwerking van verkochte producten (3.12).
De overige scope 3 categorieën die niet in onze mapping zijn opgenomen, zijn niet van toepassing of vertegenwoordigen slechts een minimaal deel van onze totale indirecte uitstoot (< 1%).
| Hernieuwbare bronnen (610,30 MWh) | Fossiele bronnen (579,80 MWh) | |
|---|---|---|
| Energieverbruik scope 1 & 2 (in MWh) |
- Gasverbruik kantoren (34,96 MWh) = 3%
- Mazoutverbruik kantoren (3,861 MWh) = 0%
- Benzineverbruik bedrijfswagens (484,49 MWh) = 41%
- Elektriciteitverbruik bedrijfswagens (56,49 MWh) = 5%
- Elektriciteitverbruik aangekocht kantoren (72,62 MWh) = 6%
- Elektriciteitverbruik uit zelfopgewekte energie (30,17 MWh) = 2%
- Elektriciteitverbruik bouwplaatsen (507,51 MWh) = 43%
| 51,28% | 48,72% | |
|---|---|---|
Nextensa’s mapping scope 1+2+3 emissies 2024 ( tCO2-eq )
| Operationele emissies (bedrijf) | emissies van activiteiten | gebouw- portefeuille (investment) | ontwikkeling (development) | |
|---|---|---|---|---|
| SCOPE 1 | ||||
| Stationaire verbranding | 8,97 | |||
| Mobiele verbranding | 104,7 | |||
| Vluchtige emissies | 0 | |||
| Bruto scope 1-emissies (tCO2-eq) | 113,67 | |||
| SCOPE 2 | ||||
| Aangekochte elektriciteit | 8,68 | 0 | 97,9 | |
| Bruto locatiegebaseerde scope 2-emissies (tCO2-eq) | 8,68 | |||
| Bruto marktgebaseerde scope 2-emissies (tCO2-eq) | 122,35 | |||
| Totaal marktgebaseerde scope 1 en 2 BKG-emissies (tCO2-eq) |
| Operationele emissies (bedrijf) | emissies van activiteiten | gebouw- portefeuille (investment) | ontwikkeling (development) | |
|---|---|---|---|---|
| SCOPE 3 | ||||
| 1. Gekochte goederen en diensten | 803,08 | 6.337,51 | ||
| 2. Kapitaalgoederen | 0 | 2.376,88 | ||
| 3. Brandstof- en energieactiviteiten (niet opgenomen in scope 1 of 2) | N.V.T. | N.V.T. | ||
| 4. Upstreamvervoer en -distributie | Included in cat. 1 | Included in cat. 2 | ||
| 5. Afval geproduceerd bij activiteiten | 2,74 | 123 | 0 | |
| 6. Zakelijk reisverkeer | 23,9 | |||
| 7. Woon-werkverkeer werknemers | 150 | |||
| 8. Upstream geleasede activa | ||||
| 9. Downstreamvervoer | ||||
| 10. Verwerking verkochte producten | ||||
| 11. Gebruik verkochte producten | 3.072,13 | 1.234,22 | ||
| 12. End-of-life-verwerking verkochte producten | 1.351 | 183,72 | ||
| 13. Downstream geleasede activa | 6.322 | |||
| 14. Franchise | ||||
| 15. Investeringen | 21.980 | |||
| Total scope 3 broekasgasemissie (tCO2-eq) | ||||
| Lage relevantie | Gemiddelde relevantie | Zeer relevant | Niet binnen de reikwijdte | |
| Lage relevantie | Gemiddelde relevantie | Zeer relevant | Niet binnen de reikwijdte |
Nextensa’s emissiebronnen
| Bron | Eenheid | 2024 | Evolutie 2023 (3) (baseline 2021) | 2022 data dekking (3) | 2021 data dekking (3) |
|---|---|---|---|---|---|
| Scope 1 | |||||
| Stationaire verbranding (1) | tCO2e | 7,94 | 100% -78% | 10,96 100% | 18,48 100% |
| Gasverbruik kantoren (2) | MWh | 34,96 | 48,28 | ||
| Brandstofverbruik kantoren (2) | tCO2e | 1,03 | 100% | 1,03 100% | |
| MWh | 3,86 | 3,86 | |||
| Mobiele verbranding | tCO2e | 104,70 | +34% | 92,52 | 91,21 |
| liters | 45.531,35 | ||||
| Totaal Scope 1 BKG-emissies | tCO2e | 113,67 | -4% | 138,74 | 109,69 |
| Scope 2 | |||||
| Gekochte elektriciteit (1) | tCO2e | 0,49 | 100% -97% | 1,51 100% | 6,46 100% |
| Elektriciteit kantoren (2) | MWh | 102,79 | |||
| Netverbruik | MWh | 72,62 | 61,37 | ||
| Verbruik van zelf opgewekte energie | MWh | 30,17 | 18,57 | ||
| Autoconsumptie % | % | 29% | 35% | ||
| Elektriciteit verbruikt door bedrijfswagens | tCO2e | 8,19 | |||
| MWh | 56,49 | ||||
| Elektriciteit verbruikt op werven | tCO2e | 0,00 | |||
| MWh | 507,51 | ||||
| Totaal Scope 2 BKG-emissies | tCO2e | 8,68 | -46% | 1,51 | 6,46 |
| Totaal CO2 eq Scope 1 EN 2 | 122,35 | -9% | 140,26 | 116,16 | |
| Energie - Nextensa's kantoren | |||||
| Totaal m2 | m2 | 2.063 | 100% | 2.241 100% | 2.194 100% |
| Absolute Energieverbruik | MWh | 141,61 | 100% -73% | 132,08 100% | 223,64 100% |
| Gemiddelde Energie Intensiteit | kWh/m2 | 68,65 | -64% | 58,94 | 101,93 |
(1) Gebruikte methodologie: Greenhouse Gas Protocol (GHG Protocol).
(2) Voor de berekening van de tCO2e-uitstoot wordt de door de leveranciers geleverde emissiefactor gebruikt voor de uitstoot van fossiele bronnen. Voor groen gekochte elektriciteit: een emissiefactor (EF) van 0gCO2/ kWh in rekening gebracht.
(3) Om de cijfers transparanter te kunnen interpreteren, geeft de dekking het aantal m2 aan waarvoor nauwkeurige gegevens beschikbaar zijn.# 2024 Evolutie 2023 2022 2021 Data Dekking (3) Data Dekking (3) Data Dekking (3) Data Dekking (3)
Scope 3 Operationele BKG-emissies (1)
| (previous year ) | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Ingekochte goederen en diensten (2) | tCO2e | 803,08 | 85% | -30% | 1.148,91 |
| Afval Kantoren (4)(6) | tCO2e | 2,74 | 73% | 2,49 | 64% |
| Zakenreizen (2) | tCO2e | 23,90 | 100% | -64% | 47,01 |
| Woon-werkverkeer (8) | tCO2e | 150,00 | |||
| Totaal Scope 3 Operationele BKG-emissies | 979,72 | 1.198,42 |
BKG-emissies investeringsportefeuille (baseline 2021)
| 2024 | 2023 | 2022 | 2021 | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Downstream geleasde assets | |||||
| % van totale m2 portefeuille opgenomen in rapportage (5) | % | 95% | +19% | 90% | 86% |
| Energieverbruik - mix | |||||
| Gekochte elektriciteit van het net | MWh | 33.401 | +37% | 29.529 | 24.561 |
| Aardgasverbruik | MWh | 14.995 | -27% | 15.990 | 15.217 |
| Stookolieverbuik | MWh | 3.526 | +32% | 3.208 | 2.062 |
| Stadverwarming & -koeling | MWh | 557 | -87% | 594 | 201 |
| Totaal energieverbruik portefeuille | MWh | 52.480 | +1% | 49.321 | 42.040 |
| Totale BKG-emissie portefeuille | tCO2e | 6.322,00 | -32% | 6.431 | 5.628 |
| Productie zonnepanelen | MWh | 7.099 | +4% | 6.219 | 7.011 |
| Totale m2 zonnepanelen | m2 | 59.516 | +80% | 49.983 | 44.510 |
| Totale capaciteit zonnepanelen | kwp | 11.796 | +96% | 8.898 | 7.786 |
| Zelfverbruik zelf geproduceerde elektriciteit | MWh | 3.089 | 2.934 | 3.200 | no data |
| % zelfverbuik | % | 44% | 47% | 46% | no data |
| Injectie overtollige elektriciteit | MWh | 4.010 | 3.285 | 3.811 | no data |
| Aantal laadpalen | # | 281 | +144% | 281 | 141 |
| Elektriciteitverbuik voor mobiliteit (laadpalen) | MWh | 1.013 | |||
| Gekochte goederen en diensten | tCO2e | 6.337,51 | |||
| Gebruik verkochte producten | tCO2e | 3.072,13 | |||
| End-of-life-verwerking verkochte producten | tCO2e | 1.351,57 | |||
| Afval geproduceerd bij activiteiten | tCO2e | 122,69 | |||
| Totaal Scope 3 Investeringsportefeuille BKG-emissies | 17.205,90 | 6.609,98 | 5.826,51 | 9.233,00 |
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
132
2024 Evolutie 2023 2022 2021 Data Dekking (3) Data Dekking (3) Data Dekking (3) Data Dekking (3)
BKG-emissies van vastgoedactiviteit (7)
| Kapitaalgoederen | tCO2 | 2.376,88 | 100% | 3.679 | |
| Gebruik van verkochte producten | tCO2 | 1.234,22 | 100% | no delivery | 5.070 |
| Verkochte producten aan het einde van hun levensduur | tCO2 | 183,72 | 100% | no delivery | 322 |
| TotaAl scope 3 BKG-emissies van vastgoedactiviteit | 3.794,81 | 9.071,00 |
Totaal Scope 3 BKG-emissies | | 21.980,43 | 7.808,40 | 14.897,51 | 9.233,00 |
(1) Gebruikte methodologie: Greenhouse Gas Protocol (GHG Protocol).
(2) Berekening van tCO2e emissies, de monetaire ratio emissiefactor verstrekt door Ademe, EIO-LCA, Defra, CO2emissiefactoren.be, Climatiq worden gebruikt.
(3) Voor meer transparantie in de interpretatie van de cijfers verwijst de dekking naar de cijfers van de balans.
(4) De CO2-voetafdruk wordt berekend op basis van het kengetal voor CO2-uitstoot volgens het Kyoto-verdrag van 1990.
(5) Activa niet opgenomen in de rapportering: tijdens het rapporteringsjaar verkocht, verworven, in aanbouw/renovatie, gebouwen met een gegevensdekking van minder dan 50%.
(6) Om de cijfers transparanter te kunnen interpreteren, geeft de dekking het aantal m2 aan waarvoor nauwkeurige gegevens beschikbaar zijn.
(7) De CO2 voetafdruk van real estate activiteiten is gebaseerd op de LCA-berekeningen van de projecten
(8) Voor de commuting werd er een ruwe schatting gemaakt
Writing the next chapter of sustainable development
Treebune - België
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
133
87 DR E1-7 l
88 DR E1-8 l
89 DR E1-9
Cloche d’Or - Luxemburg
(c) Broeikasgasverwijderingen en projecten voor broeikasmitigatie gefinancierd uit carbon credits
87 Tot nu toe heeft Nextensa geen broeikasgasverwijderings- of opslagprojecten geïmplementeerd binnen zijn eigen activiteiten of binnen zijn waardeketen. Bovendien omvatten de vermelde broeikasgasemissies geen reducties of verwijderingen door klimaatmitigatieprojecten buiten de waardeketen, zoals projecten die worden gefinancierd via de aankoop van carbon credits.
(d) Interne koolstofprijszetting
88 Momenteel heeft Nextensa geen intern koolstofprijszettingsmechanisme. We zijn echter van plan om dit in de toekomst te implementeren om de invoering van duurzaamheidsbeleid en -doelstellingen intern te stimuleren. Het concept omvat het toepassen van schaduwprijzen voor CapEx of de besluitvorming over investeringen en ontwikkelingsprojecten, waarbij de opbrengsten worden geherinvesteerd in andere duurzame initiatieven.
(e) Beoogde financiële effecten van materiële fysieke en transitierisico’s en potentiële klimaatkansen
89 In 2024 voerde Nextensa een eerste klimaatrisicobeoordeling uit op één geselecteerd project om de methodologieën en rapportagetools te testen die in onze bedrijfsprocessen kunnen worden geïntegreerd. Deze pilootanalyse bood waardevolle inzichten in hoe klimaatgerelateerde risico’s en kansen financieel gekwantificeerd kunnen worden, zodat deze factoren in de strategische besluitvorming kunnen worden opgenomen.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
134
3.2.2. Afstemming op de EU Taxonomie
De EU Taxonomie is een classificatiesysteem dat economische activiteiten definieert als “ecologisch duurzaam” of niet. Dit systeem, dat in 2020 is ingevoerd door Europa, verplicht bedrijven die onder de NFRD vallen om vanaf 2022 te rapporteren over de Taxonomie- afstemming van hun activiteiten. Deze eis zal worden uitgebreid naar alle EU-bedrijven die onder de CSRD vallen zodra de rapportagevereisten van kracht worden. Deze regelgeving is ontworpen om te definiëren wat milieuvriendelijke praktijken zijn, zodat bedrijven en investeerders beter geïnformeerde beslissingen kunnen nemen. EU Taxonomie definieert een economische activiteit als “ecologisch duurzaam” of “groen” als deze aan de volgende voorwaarden voldoet:
* Voldoen aan de criteria “Substantiële Bijdrage” (SC) aan een of meerdere milieudoelstellingen.
* Naleving van de criteria “Do No Significant Harm” (DNSH) met betrekking tot de andere milieudoelstellingen.
* Naleving van de “Minimale Sociale Waarborgen” (MS).
Sinds 2023 heeft Nextensa besloten dat de criteria van deze wetgeving de minimumvereisten vormen voor alle nieuwe ontwikkelingsprojecten en grote renovaties. De EU Taxonomie is een classificatie in twee stappen:
* Stap 1: In aanmerking komende activiteit (Eligibility) – is een economische activiteit die is beschreven en waarvoor technische screeningcriteria zijn vastgelegd in de taxonomie. Een dergelijke activiteit is ‘in aanmerking komend’ onder de taxonomie en alle inkomsten, CapEx en OpEx voor deze economische activiteit komen daarom in aanmerking.
* Stap 2: Afstemming (Alignment) – In een tweede stap wordt nagegaan welk percentage van dit aandeel is afgestemd, of als “ecologisch duurzaam” kan worden beschouwd, door informatie te verstrekken over de technische screeningscriteria om de afstemming van de activiteiten op de Taxonomie aan te tonen.
Uit de analyse blijkt dat 31% van de omzet afgestemd is op de Taxonomie. Voor “Bouw van nieuwe gebouwen” betreft dit voornamelijk de inkomsten van het project Park Lane Fase 2. Voor “Aankoop en eigendom van gebouwen” betreft dit de huurinkomsten van Gare Maritime, Montoyer 63, Monteco en Frunpark Asten. Van de CapEx investeringen is de renovatie van Hôtel Des Douanes aligned en dusdanig als ecologisch duurzaam beschouwd en zijn ook de investeringen in de toekomstige projecten Montree en Treemont als aligned te beschouwen. Ook de investeringen die in Gare Maritime plaatsvonden in 2024, worden meegenomen. Momenteel voldoet slechts een beperkt deel van de portefeuille aan alle criteria. Hierbij moet vermeld worden dat de gebouwen die gealigneerd zijn met de taxonomie, volledig werden gescreend. Voor een aantal gebouwen heeft de screening echter nog niet volledig plaatsgevonden daar noodzakelijke documenten pas later beschikbaar zullen zijn. Tenslotte, de gebouwen die in aanmerking komen voor volledige herontwikkeling of verkocht zullen worden ondergaan geen analyse. Door de criteria van de EU Taxonomie (Klimaatmitigatie) op te nemen in de minimumeisen van de (her)ontwikkelingen, wil Nextensa in de komende jaren de activiteiten “Nieuwbouw” en “Renovatie” volledig in lijn brengen zodat de investeringen voldoen aan de strenge duurzaamheidsnormen van de EU. OpEx zoals gedefinieerd door de Taxonomieverordening is verwaarloosbaar voor Nextensa. De door de EU Taxonomie gedefinieerde OpEx beperkt en vertegenwoordigt minder dan 5% van de totaal gerapporteerde OpEx in de financiële staten (exploitatielasten). De vrijstelling die wordt geboden door de Commissie Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2178 wordt toegepast, waarbij de teller van de OpEx KPI als nul wordt gerapporteerd. De totale waarde van de OpEx- noemer voor 2024 is 998.846 euro.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen
135
Aandeel van de omzet uit producten of diensten die verband houden met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten
| Boekjaar N | 2024 | Criteria inzake substantiële bijdrage | GEAD-criteria ('geen ernstige afbreuk doen aan') | Economische activiteiten (1) | eur | % | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | F | T |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| A. ACTIVITEITEN DIE IN AANMERKING KOMEN VOOR DE TAXONOMIE | ||||||||||||||||||||||
| A.1. Ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op de taxonomie) | ||||||||||||||||||||||
| Aankoop en eigendom van gebouwen | KM 7.7. | 13.418.000 | 10,03% | J | N | niak | niak | niak | niak | J | J | J | J | J | J | J | 9,93% | |||||
| Bouw van nieuwe gebouwen | KM 7.1./ CE 3.1. |
A.1. Ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op de taxonomie)
| Code (2) | Klimaatmitigatie (5) | Klimaatadaptatie (6) | Water (7) | Verontreiniging (8) | Circulaire economie (9) | Biodiversiteit (10) | Investeringen (3) | Klimaatmitigatie (11) | Klimaatadaptatie (12) | Water (13) | Verontreiniging (14) | Circulaire economie (15) | Biodiversiteit (16) | Minimale garanties (17) | Aandeel van de omzet dat is afgestemd op de taxonomie (A.1.) of in aanmerking komt (A.2.), jaar N-1 (18) | Categorie faciliterende activiteit (19) | Categorie overgangsactiviteit (20) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op taxonomie) (A.1) | 28.346.500 | 21,61% | |||||||||||||||
| Waarvan faciliterend | 0,00% | 0 | |||||||||||||||
| Waarvan transitieondersteunend | 14,16% | 0 | |||||||||||||||
| Totaal | 133.740.491 | 100,00% |
J – Ja: voor de taxonomie in aanmerking komende en daarop afgestemde activiteit voor de desbetreffende milieudoelstelling; N - Neen: voor de taxonomie in aanmerking komende maar niet daarop afgestemde activiteit voor de desbetreffende milieudoelstelling; niak : niet in aanmerking komend, deze activiteit komt niet voor de taxonomie in aanmerking voor de desbetreffende milieudoelstelling; iak : activiteit die in aanmerking komt voor de taxonomie voor de relevante doelstelling.
(1) De N-1 kolom in de taxonomie template is niet bedoeld om te reconciliëren met de totalen die vorig jaar zijn gerapporteerd. In plaats daarvan dient het als vergelijking voor activiteiten die in beide jaren in aanmerking blijven komen. Het verschil in het N-1 totaal vergeleken met het totaal dat vorig jaar is gerapporteerd, is te wijten aan economische activiteiten die in jaar N niet langer als in aanmerking worden beschouwd.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
136
aandeel van CapEx van producten of diensten die verband houden met economische activiteiten die zijn afgestemd op de taxonomie
Boekjaar N 2024
| Criteria inzake substantiële bijdrage | GEAD-criteria ('geen ernstige afbreuk doen aan') | Economische activiteiten (1) | eur | % | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | F | T |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| A. ACTIVITEITEN DIE IN AANMERKING KOMEN VOOR DE TAXONOMIE | ||||||||||||||||||||
| A.1. Ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op de taxonomie) | ||||||||||||||||||||
| Renovatie van bestaande gebouwen | KM 7.2./ CE 3.2. | 3.436.670 | 9,61% | J | N | niak | niak | J | niak | J | J | J | J | J | J | 14,16% | ||||
| Aankoop en eigendom van gebouwen | KM 7.7. | 3.160.010 | 8,84% | J | N | niak | niak | niak | niak | J | J | J | J | J | J | 5,29% | ||||
| CapEx ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op taxonomie) (A.1) | 6.596.680 | 18,45% | 25,59% | |||||||||||||||||
| Waarvan faciliterend | 0 | 0,00% | 0,00% | 0 | ||||||||||||||||
| Waarvan transitieondersteunend | 3.436.670 | 9,61% | 9,61% | 3.436.670 | ||||||||||||||||
| Totaal | 35.763.759 | 100,00% | 19,45% |
| Code (2) | Klimaatmitigatie (5) | Klimaatadaptatie (6) | Water (7) | Verontreiniging (8) | Circulaire economie (9) | Biodiversiteit (10) | Investeringen (3) | Klimaatmitigatie (11) | Klimaatadaptatie (12) | Water (13) | Verontreiniging (14) | Circulaire economie (15) | Biodiversiteit (16) | Minimale garanties (17) | Aandeel van de omzet dat is afgestemd op de taxonomie (A.1.) of in aanmerking komt (A.2.), jaar N-1 (18) | Categorie faciliterende activiteit (19) | Categorie overgangsactiviteit (20) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| J – Ja: voor de taxonomie in aanmerking komende en daarop afgestemde activiteit voor de desbetreffende milieudoelstelling; N - Neen: voor de taxonomie in aanmerking komende maar niet daarop afgestemde activiteit voor de desbetreffende milieudoelstelling; niak : niet in aanmerking komend, deze activiteit komt niet voor de taxonomie in aanmerking voor de desbetreffende milieudoelstelling; iak : activiteit die in aanmerking komt voor de taxonomie voor de relevante doelstelling. | |||||||||||||||||
| (1) De N-1 kolom in de taxonomie template is niet bedoeld om te reconciliëren met de totalen die vorig jaar zijn gerapporteerd. In plaats daarvan dient het als vergelijking voor activiteiten die in beide jaren in aanmerking blijven komen. Het verschil in het N-1 totaal vergeleken met het totaal dat vorig jaar is gerapporteerd, is te wijten aan economische activiteiten die in jaar N niet langer als in aanmerking worden beschouwd. |
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
137
aandeel van OpEx uit producten of diensten die verband houden met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten
Boekjaar N 2024
| Criteria inzake substantiële bijdrage | GEAD-criteria ('geen ernstige afbreuk doen aan') | Economische activiteiten (1) | eur | % | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J; N; niak | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | F | T |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| A. ACTIVITEITEN DIE IN AANMERKING KOMEN VOOR DE TAXONOMIE | ||||||||||||||||||||
| A.1. Ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op de taxonomie) | ||||||||||||||||||||
| OpEx ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op taxonomie) (A.1) | 0 | 0,00% | 0,00% | |||||||||||||||||
| Waarvan faciliterend | 0 | 0,00% | 0,00% | 0 | ||||||||||||||||
| Waarvan transitieondersteunend | 0 | 0,00% | 0,00% | 0 | ||||||||||||||||
| Totaal | 988.946 | 100,00% | 0,00% |
| Code (2) | Klimaatmitigatie (5) | Klimaatadaptatie (6) | Water (7) | Verontreiniging (8) | Circulaire economie (9) | Biodiversiteit (10) | OpEx (3) | Klimaatmitigatie (11) | Klimaatadaptatie (12) | Water (13) | Verontreiniging (14) | Circulaire economie (15) | Biodiversiteit (16) | Minimale garanties (17) | Aandeel van de omzet dat is afgestemd op de taxonomie (A.1.) of in aanmerking komt (A.2.), jaar N-1 (18) | Categorie faciliterende activiteit (19) | Categorie overgangsactiviteit (20) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| J – Ja: voor de taxonomie in aanmerking komende en daarop afgestemde activiteit voor de desbetreffende milieudoelstelling; N - Neen: voor de taxonomie in aanmerking komende maar niet daarop afgestemde activiteit voor de desbetreffende milieudoelstelling; niak : niet in aanmerking komend, deze activiteit komt niet voor de taxonomie in aanmerking voor de desbetreffende milieudoelstelling; iak : activiteit die in aanmerking komt voor de taxonomie voor de relevante doelstelling. |
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
138
Activiteiten in verband met kernenergie en fossiel gas
Activiteiten in verband met kernenergie
| JA/NEE |
|---|
| 1 De onderneming voert onderzoek, ontwikkeling, demonstratie en inzet van innovatieve elektriciteitsopwekkingsfaciliteiten uit, financiert deze of heeft blootstelling aan onderzoek, ontwikkeling, demonstratie en inzet van innovatieve elektriciteitsopwekkingsfaciliteiten die energie opwekken uit nucleaire processen met minimaal afval van de splijtstofcyclus. |
| 2 De onderneming voert nieuwe nucleaire installaties voor de opwekking van elektriciteit of proceswarmte, onder meer ten behoeve van stadsverwarming of industriële processen zoals waterstofproductie, uit, financiert deze of heeft blootstelling aan de bouw en veilige exploitatie ervan, alsmede de verbetering van de veiligheid ervan, met gebruikmaking van de beste beschikbare technologieën. |
| 3 De onderneming beheert, financiert of is blootgesteld aan de veilige exploitatie van bestaande nucleaire installaties die elektriciteit of proceswarmte produceren, inclusief voor stadsverwarming of industriële processen zoals de productie van waterstof uit kernenergie, evenals de veiligheidsupgrades daarvan. |
Activiteiten met betrekking tot fossiel gas
| 4 De onderneming is actief in, financiert of is blootgesteld aan de bouw of exploitatie van elektriciteitscentrales die elektriciteit opwekken met behulp van fossiele gasvormige brandstoffen. |
| 5 De onderneming is actief in, financiert of heeft blootstelling aan de bouw, renovatie en exploitatie van faciliteiten voor warmtekrachtkoppeling en elektriciteitsproductie waarbij fossiele gasvormige brandstoffen worden gebruikt. |
| 6 De onderneming houdt zich bezig met, financiert of is blootgesteld aan de bouw, renovatie en exploitatie van warmteopwekkingsinstallaties die warmte/koude produceren met behulp van fossiele gasvormige brandstoffen. |
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
139
Tour & Taxis - België
3.3. Vrijwillige informatie
Van de 11 ESG-onderwerpen (Environmental, Social en Governance) is “Energie & Emissiebeheer” in de dubbele materialiteitsanalyse geïdentificeerd als materieel topic met een aanzienlijk hoog risico, zowel financieel als qua impact. Daarnaast vragen vijf andere onderwerpen extra aandacht omdat ze in de nabije toekomst materieel kunnen worden op basis van de financiële materialiteitsanalyse: Naast “Energie- & emissiebeheer”, dat aansluit bij Nextensa’s eerste pijler van onze ESG-strategie, “(her)ontwikkeling van klimaatadaptieve gebouwen”, worden de onderwerpen “Gezonde en veerkrachtige gebouwen” en “Circulariteit” van cruciaal belang geacht. Het eerste heeft betrekking op investeringsactiviteiten, terwijl het tweede nauw verbonden is met Nextensa’s ontwikkelingsactiviteiten. Onder de derde pijler, “Menselijk kapitaal”, is het beheren van het onderwerp “Nextensa’s mensen”, dat investeringen in goede arbeidsomstandigheden, gelijke behandeling en opleiding van personeel omvat, essentieel voor het bedrijf. Met betrekking tot de beoordeling van de impact materialiteit, vereisen twee extra onderwerpen meer aandacht: “Voorbeeldig bestuur”, onderdeel van de derde pijler “Menselijk kapitaal”. “Levendige buurten”, onderdeel van de tweede pijler “Duurzame samenleving”. Dit rapport geeft ook een kort overzicht van het beleid, de acties en de doelstellingen met betrekking tot deze vijf onderwerpen.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
140
Gare Maritime - België
De constructies van Nextensa moeten evolueren naar circulaire constructies.# 3.3.1. Ontwikkeling van klimaatadaptieve gebouwen
3.3.1.1. Circulariteit
ESRS E5: Circulaire economie - Uitstoot van hulpbronnen in verband met producten en diensten; Instroom van hulpbronnen
CSRD
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen 141
Volgens de Global Alliance for Buildings and Construction is de bouwsector momenteel verantwoordelijk voor 37% van de energie- en procesgerelateerde CO2-uitstoot in de wereld. Ongeveer driekwart van deze uitstoot is afkomstig van de operationele koolstof die wordt geproduceerd tijdens het gebruik van gebouwen, terwijl het andere kwart wordt toegeschreven aan koolstof die ingebed zit in bouwmaterialen zoals cement, staal en aluminium. De industrie heeft zich tot nu toe gericht op het verminderen van het operationele energieverbruik in gebouwen, maar het is ook dringend nodig om de koolstof in materialen aan te pakken.
Als vastgoedontwikkelaar wil Nextensa het gebruik van bio-based materialen in zijn projecten bevorderen. Deze materialen, zoals hout, klei, kurk en hennep, hebben een lagere impact op het milieu wanneer ze duurzaam worden geoogst en verwerkt. Deze benadering staat in contrast met niet-hernieuwbare bouwmaterialen zoals cement en staal, die een hoger koolstofgehalte hebben. Het aanpakken van materialen met een hoge prioriteit kan de milieu-impact van het bouwen aanzienlijk verminderen, hoewel een alomvattende levenscyclusbenadering essentieel is, zoals uitgelegd in E1.
Nextensa streeft ernaar te anticiperen op een meer omvattend beleid dat met betrekking tot dit onderwerp zal worden opgelegd. De eerste voorbeelden van beleid dat beperkingen stelt aan de embodied carbon in veelgebruikte materialen met grote impact, zoals cement, staal en aluminium, worden reeds geïmplementeerd door middel van het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) van de EU. Aangezien de meeste van deze materialen afkomstig zijn van eindige hulpbronnen, moeten we bovendien afstappen van een lineaire benadering van grondstoffen (winning, productie, consumptie, afval) en overstappen op het onaangeboorde potentieel van een circulaire benadering.
Beleid en acties met betrekking tot het gebruik van hulpbronnen en de circulaire economie
De broeikasgasemissies van Nextensa zijn voornamelijk afkomstig van de (her)ontwikkeling van gebouwen, waarbij de materialen een grote bijdrage leveren aan de ecologische voetafdruk. Als ontwikkelaar en vastgoedbedrijf heeft Nextensa een unieke kans om zijn impact te verminderen door voorrang te geven aan duurzame materialen en circulaire bouwpraktijken. Nextensa streeft ernaar afval te minimaliseren en de waarde van materialen te behouden door bestaande materialen zo lang mogelijk in gebruik te houden en milieuvriendelijke, hernieuwbare en bio-based alternatieven te selecteren wanneer nieuwe materialen nodig zijn. Daarnaast kan Nextensa de levensduur van een gebouw verlengen door tijdloos ontworpen gebouwen te ontwikkelen die herbruikbaar, multifunctioneel en aanpasbaar zijn met afzonderlijke constructielagen die een scheiding vormen tussen de structurele, technische en afwerkingslagen. Deze aanpak vermindert de impact op het milieu en biedt, volgens onze dubbele materialiteitsanalyse, financiële voordelen zoals hogere vastgoedwaarden door aanpasbare, multifunctionele en esthetisch aantrekkelijke gebouwen.
De afhankelijkheid van natuurlijke hulpbronnen is een aanzienlijke risicofactor. Zonder circulaire praktijken kan Nextensa te maken krijgen met instabiliteit in de toeleveringsketen en een grotere afhankelijkheid van beperkte wereldwijde hulpbronnen. Door gebouwen te ontwerpen die flexibel en duurzaam zijn, wordt dit risico verminderd en wordt het efficiënt gebruik van hulpbronnen gestimuleerd.
Als onderdeel van het duurzaamheidsbeleid wordt het circulariteitsbeleid gestuurd door drie kernprincipes, met een nadruk op bouw- en renovatieprojecten:
- Principe 1: Het herbruikbare gebouw
- Principe 2: Doordacht gebruik van materialen
- Principe 3: Katalysatoren voor circulariteit
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen 142
"We reuse the past to build our next future"
Deze benadering sluit aan bij de Ladder van Lansink, een methode die wordt toegepast voor het beoordelen van milieubeschermende processen naast het gebruik van hulpbronnen en energie. Hierbij wordt de nadruk gelegd op materiaalbehoud, reductie, hergebruik en de zorgvuldige selectie van hernieuwbare of gerecyclede materialen voordat nieuwe hulpbronnen worden ingezet.
Het herbruikbare gebouw
“Meer dan 30% van Nextensa’s portefeuille bestaat uit herontwikkelde gebouwen van meer dan een eeuw oud.”
Nextensa heeft een sterke trackrecord in het herontwikkelen van historische en verouderde gebouwen, waarbij behoud en moderne duurzaamheid naadloos in elkaar overgaan. Door historische gebouwen nieuw leven in te blazen en ze te transformeren in atypische ruimtes met gemengd gebruik zoals; Royal Depot, Hôtel des Douanes, Maison de la Poste en Gare Maritime op Tour & Taxis in Brussel en Hangar 26/27 in Antwerpen, heeft Nextensa haar expertise in energie-efficiënte renovaties en adaptief hergebruik vergroot. Een belangrijke pijler van deze herontwikkelingsstrategie is ervoor te zorgen dat gebouwen aanpasbaar en multifunctioneel blijven, zodat ze generaties lang meegaan, terwijl het gebruik van hulpbronnen wordt geoptimaliseerd door een lagere vraag naar materialen en dus minder embodied carbon. In het meest ambitieuze decarbonisatiescenario van het Internationaal Energieagentschap zou het verlengen van de levensduur van gebouwen bijdragen aan meer dan 90 procent van de CO2-emissiereducties voor zowel staal als cement tegen 2060 (IEA 2019).
Doordacht gebruik van materialen
Het stimuleren van renovatie boven sloop door behoud van bestaande structuren en materialen is altijd de prioriteit. Wanneer dit niet mogelijk is vanwege technische, wettelijke, locatiegebonden of andere beperkingen, verschuift de aandacht naar doordacht materiaalgebruik, geleid door de Ladder van Lansink. Voor nieuwe materialen moet rekening worden gehouden met de volledige milieu-impact, inclusief de embodied carbon, de beschikbaarheid, de locatie en de verwerking. Hernieuwbare materialen hebben de voorkeur boven niet-hernieuwbare materialen.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen 143
In Lake Side is het ontwerpteam actief op zoek naar materialen met een lage impact, waaronder hergebruikte elementen van sloopprojecten (bijv. vloertegels, verhoogde vloeren), materialen met een hoog gehalte aan gerecycled materiaal (bijv. binnenafwerking, dakbedekking) en materialen op biologische basis (bijv. houtstructuur, isolatie, kleiverf). Deze voortdurende aanpak zorgt voor duurzamere bouwkeuzes in elke fase van onze ontwikkelingsprojecten.
Katalysatoren voor circulariteit
Om circulariteit te bevorderen integreert Nextensa verschillende tools in haar ontwikkelingsproces. Alle projectmanagers zijn verplicht om de interne tool “Development Fiche” te gebruiken om ervoor te zorgen dat circulaire principes in elke bouwfase worden ingebed. Een belangrijk instrument voor circulariteit en het bijhouden van de opgeslagen koolstof is de levenscyclusanalyse (LCA), die de ingebouwde koolstof van een gebouw tijdens zijn levensduur evalueert. Nextensa gebruikt verschillende LCA-tools, waaronder OneClick LCA en TOTEM, die de referentie zullen worden in België om de volledige milieu- impact van projecten te evalueren, zodat al vroeg in de ontwerpfase gefundeerde materiaalkeuzes kunnen worden gemaakt.
Life Cycle Assessment & Stages
| Building life cycle information | A1-3 | A4-5 | B1-7 | C1-4 | D |
|---|---|---|---|---|---|
| PRODUCT STAGE | RAW MATERIAL SUPPLY A1 TRANSPORT A2 MANUFACTURING A3 | TRANSPORT A4 construction A5 | use B1 Maintanance B2 repair B3 replacement B4 refurbisment B5 | Deconstruction demolition C1 TRANSPORT C2 waste processing C3 disposal C4 | BENEFITS AND LOAD BEYOND THE SYSTEM D Reuse, recovery, recycling D |
| SCENARIOS SCENARIOS SCENARIOS SCENARIOS SCENARIOS | |||||
| Operational Water use B7 | Operational energy use B6 |
Overview of the life cycle stages and system boundaries within the European standard EN 15978.2011 (CEN 2011).
- embodied carbon
- operational carbon
- IN-USE operational emissions
- IN-USE embodied emissions
- upfront embodied emissions
- end-of-life emissions
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen 144
In 2024 voerde het ESG-comité een diepgaand onderzoek uit om de verschillende resultaten van LCA’s voor haar projecten te vergelijken met bestaande kaders in verschillende landen. Na deze analyse werd het duidelijk dat er grote verschillen waren tussen de kaders en dat het noodzakelijk was om een keuze te maken die consistent was met de doelstellingen van het bedrijf. Het raamwerk dat Nextensa heeft gekozen is het raamwerk van SBTi Buildings, dat een intensiteitstraject voor embodied carbon voorstelt dat is afgestemd op het Akkoord van Parijs. Zoals blijkt uit de onderstaande grafiek met het intensiteitspad voor Belgische kantoren, heeft dit pad een steile reductiecurve, waarbij gestreefd wordt naar minimale emissies tegen 2050. Aanzienlijke vooruitgang in de bouwmaterialensector is essentieel om op één lijn te blijven met de middellange- en langetermijndoelstellingen.# Duurzaamheidsverslag
Circulaire economie
Innovatie alleen is niet voldoende; er is ook een systematische aanpak nodig waarbij renovatie de voorkeur krijgt boven sloop en wederopbouw. Uit benchmarks blijkt dat de kantoorontwikkelingen van Nextensa voldoen aan de komende intensiteitsdoelstellingen, maar er is focus op de lange termijn nodig om deze vooruitgang vast te houden.
Doelstellingen circulariteit
Nadat we de principes van circulariteit een paar jaar geleden in ons bredere duurzaamheidsbeleid hadden geïmplementeerd en geïntegreerd in Nextensa’s Development Fiche om ervoor te zorgen dat er bij elk project rekening mee wordt gehouden, werd vorig jaar besloten dat alle projecten een Life Cycle Assessment (LCA)-berekening moeten ondergaan om te voldoen aan de substantiële criteria van de EU Taxonomie. Bovendien heeft Nextensa voor 2024 ambitieuze doelen gesteld met betrekking tot embodied carbon van zijn toekomstige ontwikkelings- en herontwikkelingsprojecten op basis van de paden die zijn uitgestippeld door het Science-Based Targets initiatief (SBTi Buildings):
- Alle kantoorgebouwen moeten in het jaar van oplevering voldoen aan het SBTi Gebouwentraject.
- Voor woongebouwen die meer uitdagingen hebben vanwege een meer traditionele manier van bouwen, moet ten minste 25% (gewogen gemiddelde over drie jaar) in overeenstemming zijn met het pad, en er moet verder onderzoek worden gedaan om dit percentage in de toekomst te verhogen.

3.3.1.2. Gezonde en veerkrachtige gebouwen
Klimaatverandering brengt aanzienlijke risico’s met zich mee voor de gebouwde omgeving en beïnvloedt gebouwen door extreme weersomstandigheden, een stijgende zeespiegel en hogere temperaturen. Dit kan leiden tot structurele schade, een hogere energiebehoefte en risico’s voor de gezondheid en veiligheid van bewoners. Klimaatverandering en de gevolgen daarvan, zoals hittegolven, hebben een grote invloed op de gezondheid en de productiviteit van mensen. Volgens Nextensa zijn projectontwikkelaars belangrijke spelers in deze relatie en zijn ze verantwoordelijk voor het ontwerpen van gebouwen die hun bewoners beschermen. Daarom zijn beide concepten samengebracht in één onderwerp. Als gevolg hiervan werden “gezonde en veerkruciële” een belangrijk aandachtspunt voor Nextensa, met de nadruk op gebouwen die deze uitdagingen aankunnen en tegelijkertijd het welzijn van de bewoners en de klimaatbestendigheid bevorderen.
Beleid en acties met betrekking tot gezonde en veerkruciële gebouwen
Veerkruciële gebouwen
Bij de aanpak van klimaatrisico’s en de adaptatie van gebouwen moeten belangrijke factoren in overweging worden genomen voordat oplossingen op gebouwschaal worden geïdentificeerd: klimaatgerelateerde gevaren zoals gedefinieerd door de EU Taxonomie, koolstofemissiereductie, klimaatkwetsbaarheid en risicobeoordeling, toekomstige klimaateffecten, en meer specifiek voor Nextensa, aanpassingsstrategieën voor historische gebouwen.
Sinds 2023 gebruikt Nextensa als uitgangspunt de richtlijnen van de EU Taxonomie om klimaatgevaren te definiëren die van invloed zijn op onroerend goed, waarbij risico’s met betrekking tot temperatuur, wind, water en droogte prioriteit krijgen. Om hieraan te voldoen, moet er eerst een beoordeling van het klimaatrisico en de kwetsbaarheid worden uitgevoerd, bestaande uit het identificeren van de risico’s, het beoordelen van deze risico’s en het voorstellen van fysieke en niet-fysieke aanpassingsoplossingen om het klimaatrisico aanzienlijk te verminderen. Ten tweede moet de beoordeling worden uitgevoerd volgens een transparante methodologie en met behulp van de hoogst beschikbare resolutie, state-of-the-art klimaatprojecties (toekomstscenario’s van 10 tot 30 jaar). Waar mogelijk wordt de voorkeur gegeven aan blauwe of groene infrastructuur. De adaptaties moeten een evenwicht vinden tussen structurele resilience en de koolstofemissies gedurende de hele levenscyclus van een gebouw.
Naarmate de EU Taxonomie-regelgeving evolueert, heeft Nextensa meerdere risicobeoordelingen laten uitvoeren op basis van openbare gegevens en voorspellingen voor 2050. In 2024 werd er een risico- en opportuniteitenanalyse uitgevoerd voor het Lake Side project om de materiële fysieke risico’s en transitierisico’s en opportuniteiten te identificeren, zoals uitgelegd in de paragraaf “Veerkrachtanalyse” van het hoofdstuk Energie & Emissiebeheer.
Voor nieuwe projecten en de bestaande portefeuille van Nextensa in West- en Centraal-Europa worden klimaatrisico’s geïntegreerd in ontwerp en renovatie volgens de “hiërarchie voor aanpassing van gebouwen” van de EU:
- Integreren van strategieën op buurtniveau voor aanpassing aan klimaatverandering die een antwoord bieden op bepaalde risico’s.
- Onderzoeken van mogelijkheden om bestaande gebouwen aan te passen.
- Zorgen dat aanpassingsstrategieën culturele waarden en het gebouwde erfgoed behouden en beschermen.
- Plannen van de locatie, oriëntatie en vorm van gebouwen om de blootstelling aan gevaren te minimaliseren en rekening houden met de gevoeligheid van gebruikers.
- Ontwerpen van passieve bouwsystemen om risico’s van gevaren te verminderen of een adaptief beheer van risico’s mogelijk te maken.
- Implementeren van bouwoplossingen die een actieve bediening of onderhoud vereisen om risico’s te beperken of te beheersen.
| Integrate adaptation strategies at the neighbourhood level | Assess opportunities to retrofit and adapt existing buildings | Plan new buildings to minimise exposure to hazards | Design passive building systems | Implement active building adaptation solutions |
|---|---|---|---|---|
Gezonde gebouwen
Naast veerkracht is de gezondheid van de bewoners van gebouwen een groeiend punt van zorg. Extreme hittegolven, zoals ervaren in Europa de afgelopen jaren, zijn in verband gebracht met hittestress, die een cruciale rol speelt bij de menselijke gezondheid en cognitieve prestaties en productiviteit. Studies tonen aan dat werknemers in groene, gezonde gebouwen minder vaak ziek zijn dan werknemers in conventionele gebouwen. Omgevingsfactoren binnenshuis zoals luchtkwaliteit, temperatuur, geluidsniveaus en natuurlijk licht zijn allemaal componenten van een “gezond” gebouw, volgens deskundigen van de Harvard T.H. Chan School of Public Health.
- Luchtkwaliteit: Luchtkwaliteit moet worden gewaarborgd binnen de gebouwen. Dit betekent in het bijzonder dat er maatregelen moeten worden genomen om voldoende toevoer van buitenlucht te garanderen, de lucht te zuiveren en de verontreinigende stoffen in de atmosfeer zoveel mogelijk te elimineren. Het omvat ook een zorgvuldige keuze van materialen (bij voorkeur natuurlijke materialen) die geen of nauwelijks VOS (vluchtige organische stoffen) bevatten, in overeenstemming met de vereisten van de vervuilingscriteria uit de Taxonomie van de EU.
- Verlichting & uitzicht: Licht beïnvloedt de stemming van de bewoners en hun biologische cyclus met een impact op hun productiviteit. Het is belangrijk om zorg te dragen voor de verlichting en de voorkeur te geven aan natuurlijk licht. Alle werk- en woonruimten moeten directe zichtlijnen hebben naar grote ramen die van buiten open kunnen en waar mogelijk buitenruimten bieden.
- Actief en veilig: Gebouwen moeten zo worden ontworpen dat bewoners worden aangemoedigd om aan lichaamsbeweging te doen, zodat ze op de lange termijn in vorm blijven. Trappenhuizen worden bijvoorbeeld gemakkelijk en aangenaam om te gebruiken gemaakt zonder de brandveiligheid in gevaar te brengen. Alle gebouwen zijn inclusief en toegankelijk voor iedereen, inclusief mensen met beperkte mobiliteit, om comfort en een veilige ruimte te bieden.
- Comfort: Alles wat ongemak kan veroorzaken, moet zorgvuldig worden geanalyseerd, dit omvat onder andere temperatuur, oververhitting, indeling van het interieur, bescherming tegen lawaai - zowel binnen als buiten - enz.
- Welzijn: Fysiek, psychologisch en emotioneel welzijn moet worden bevorderd door verschillende aspecten, zoals de indeling van de gebouwen en de aanwezigheid van vegetatie, natuurlijke kleuren en materialen. De ruimtes in en rond gebouwen moeten zoveel mogelijk bijdragen aan een groter welzijn. Het creëren van groene ruimten, het integreren van kunst en cultuur of zelfs het promoten van gezonde voeding die bewoners aanmoedigt om gevarieerd en evenwichtig te eten, zijn voorbeelden van samenstellende elementen van welzijn.
- Waterkwaliteit: Water moet van goede kwaliteit zijn en gemakkelijk toegankelijk voor bewoners. Onderwerpen waarmee rekening wordt gehouden: Behandeling, filtratie en keuze van de locatie van waterpunten.
the foundations of a healthy building
| Luchtkwaliteit | Comfort | Welzijn | Waterkwaliteit | Actief en veilig ontwerp | Verlichting & uitzicht |
|---|---|---|---|---|---|
| Gezonde gebouwen | |||||
| * Profiel & Strategie | |||||
| * Jaarverslag | |||||
| * Duurzaamheidsverslag | |||||
| * Vastgoedverslag | |||||
| * Geconsolideerde financiële staten 2024 | |||||
| * Bijlagen |
148
Als verhuurder en vastgoedontwikkelaar speelt Nextensa een cruciale rol bij het helpen van huurders om een gezonde werkomgeving te creëren. Dit is een belangrijke onderscheidende factor voor bedrijven die werken aan veerkrachtige, gezondheidsgerichte organisaties, maar ook voor bewoners, omdat hun huizen hen gezond houden. Voor Nextensa is de overgang naar netto nuluitstoot slechts één stukje van de puzzel. Deze doelstellingen moeten worden afgestemd op bredere sociale ontwikkelingsdoelstellingen, waaronder het welzijn en de tevredenheid van de gebruikers van het gebouw. Op basis van deze elementen volgt Nextensa de fundamenten van gezond bouwen als volgt:
Hoewel bepaalde aspecten van duurzaamheid van gebouwen voor de hand lijken te liggen, verdienen ze speciale aandacht. Certificeringen zoals BREEAM (Building Research Establishment Environment Assessment Methodology) en WELL, die zowel gezondheidscriteria als energie- prestaties beoordelen, weerspiegelen deze prioriteiten al gedeeltelijk. Omdat bewoners en gebruikers steeds vaker op zoek gaan naar ruimtes die bij hun waarden passen, wordt aandacht voor sociaal welzijn en maatschappelijke betrokkenheid niet alleen een morele verantwoordelijkheid, maar ook een zakelijke noodzaak. Voor Nextensa betekent deze verschuiving een paradigmaverandering in de manier waarop de vastgoedsector de “S” in ESG benadert. Kantoren worden nu gezien als bestemmingen en huizen zijn meer dan alleen fysieke ruimtes: ze vertegenwoordigen een levensstijl. Inzicht in welke sociale factoren bijdragen aan de differentiatie en prestaties van vastgoed helpt ervoor te zorgen dat de meest relevante elementen prioriteit krijgen. De impact van deze inspanningen kan worden gemeten aan de hand van factoren zoals bezettingsgraad, huurdersbehoud, huurinkomsten en algemene prestatiebeoordelingen van gebouwen. Door externe duurzaamheidsbeoordelingen zorgt Nextensa ervoor dat haar gebouwen voldoen aan gezondheidsnormen, terwijl certificeringen ook een leidraad zijn voor voortdurende verbeteringen op het gebied van duurzaamheid.
Doelstellingen voor gezonde en veerkrachtige gebouwen
Met de EU Taxonomie in het achterhoofd zullen er nieuwe maatstaven komen voor nieuwbouw- en renovatieprojecten, ter ondersteuning van Nextensa’s streven naar duurzaamheid en sociale verantwoordelijkheid. Om de veerkracht van gebouwen te garanderen en de gezondheid van de bewoners te integreren in ons duurzaamheidsbeleid, heeft Nextensa duidelijke doelstellingen opgesteld. Alle gebouwen die Nextensa beheert zijn gecertificeerd of worden gecertificeerd, wat de basis vormt voor de Portfolio Maintenance Approach. Voor alle nieuwbouw- of renovatieprojecten is het behalen van een BREEAM of ander erkend certificaat verplicht. In de toekomst zal Nextensa prioriteit geven aan een gezond binnenmilieu door kwantitatieve “S”-componenten op te nemen in de ESG-strategie voor elk gebouw. Dit zal worden begeleid door het in kaart brengen en betrekken van belanghebbenden, om zo de sociale factoren te identificeren die bijdragen aan de differentiatie en prestaties van het vastgoed.
Klimaatrisicobeoordelingen voor de potentiële klimaatrisico’s zijn al lopende, met 35% van de portefeuille reeds beoordeeld. De resultaten zullen worden geprioriteerd en opgenomen in het CapEx ESG-actieplan. Voor nieuwe projecten en renovaties wordt voor 100% van de projecten een grondige klimaatrisico assessment uitgevoerd, waarbij wordt gekeken naar noodzakelijke aanpassingen in zowel het gebouw als de omgeving.
BREEAM schema
| Certificated | Submitted to BRE | In preparation | In use Part 1 and 2 | Refurbishment | New construction | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| - | - | - | - | - | - | |
| % | - | - | - | - | - | - |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - | - | - | - | |
| - | - | - # Kansen bieden | ||||
| Nextensa stelt bewoners, huurders en bezoekers centraal in haar duurzaamheidsambities en erkent tegelijkertijd de kracht van een sterke, ondersteunde gemeenschap. Door het verbeteren van de leefomgeving en het bieden van essentiële gemeenschapsfaciliteiten wil Nextensa kansen creëren en een gevoel van samenhorigheid bevorderen. Door middel van partnerschappen en initiatieven voor jongeren en lokale ondernemers betrekt Nextensa de gemeenschap actief bij zinvolle en inspirerende activiteiten. Er wordt een rijk en divers programma van sociale, culturele, sportieve en educatieve activiteiten ontwikkeld in samenwerking met lokale verenigingen, waardoor de banden met de buurt worden aangehaald. Nextensa ondersteunt ook projecten die gericht zijn op duurzaam voedsel, de circulaire economie, sociaal welzijn en cultuur en verwelkomt ze in Tour & Taxis en andere locaties. |
“Tour & Taxis ligt in het hart van Brussel en is meer dan een historisch monument. Het is een kruispunt van ervaringen, kunst en ontdekkingen. Deze iconische locatie, ooit een centrale douanefaciliteit, is opnieuw uitgevonden om bezoekers een diepe duik in de Brusselse cultuur te bieden. Van kunsttentoonstellingen en lokale markten tot gastronomische restaurants en culturele evenementen, Tour & Taxis is de must- visit bestemming om Brussel in al zijn glorie te ervaren.”
Jean Van Damme, Sales & Hospitality Manager - Events
Om sociale cohesie te stimuleren en actieve participatie aan te moedigen, biedt Nextensa ruimte aan initiatieven die een positieve impact hebben. We bieden ruimtes aan tegen lage of zonder kosten en maken gebruik van ons netwerk om gemeenschapsgedreven projecten te ondersteunen. Door te investeren in mensen en plaatsen bouwen we aan levendige, verbonden en bloeiende buurten.
- Support associations: #9
- Stimulate sustainability: #2
- Promote justice and human rights: #1
- Integrate art, culture & sports: #13
- Providing opportunities: #6
In 2024 steunde Nextensa 31 projecten
42% 19% 29% 7% 3%
Enkele initiatieven ondersteund door Nextensa in 2024 in de kijker:
De studieruimtes van Brik
In 2024 stelde Nextensa opnieuw ruimtes ter beschikking voor Brik in de Gare Maritime. De studieruimtes van Brik zijn gratis studieplekken verspreid over heel Brussel. De Study Spaces zijn enkel toegankelijk voor studenten uit het hoger onderwijs, werken met een reservatiesysteem en zijn enkel open tijdens de studie- en examenperiodes. De editie 2024 was een zeer succesvolle editie in Gare Maritime; met een capaciteit van 112 plaatsen per dag, open gedurende 37 dagen, werden in totaal 4.415 check-ins geregistreerd, wat neerkomt op een gemiddeld aantal van 119 check-ins per dag. De bezettingsgraad bereikte 107% met een uniek aantal van 820 studenten waarvan meer dan 3/4 uit het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en 63% uit de Brusselse gemeenten die grenzen aan de Tour & Taxis-site. Met 312 studenten (38%) uit de gemeenten Brussel-Stad en Sint-Jans-Molenbeek.
Brussel-Stad 209
Sint-Jans-Molenbeek 65
Anderlecht 18
Laken 41
Evere 9
Schaarbeek 9
Etterbeek 10
Elsene 50
St-Gillis 103
Regio Brussel 78%
Vlaanderen 11%
Wallonië 10%
Onbekend 1%
SUNDO
Sundo wil de wereldwijde kijk op uv-preventie veranderen dankzij slimme en innovatieve technologie. Door zonnecrème dispensers te voorzien op locaties en momenten waarop dat het meest nodig is, speelt Sundo zo een cruciale rol in zowel de strijd tegen huidkanker als het bevorderen van duurzaamheid. Op het scherm van de zonnecrème dispenser kan de actuele uv-index ter hoogte van de buitenspeeltuin op Tour&Taxis afgelezen worden. Op basis daarvan krijgt de gebruiker aangepast zonneadvies en een gratis smeerbeurt. Dankzij het zonnepaneel en de stevige voet kan de zonnecrème dispenser eender waar geplaatst worden, zonder draagmuur of stroomvoorziening. De zonnecrèmedispenser werkt daarnaast helemaal handsfree en automatisch. Door de strategische plaatsing van 1 SMOTSPOT en de aanzienlijke vermindering van het plasticverbruik draagt deze samenwerking bij aan een gezondere en duurzamere toekomst. Dankzij de toegenomen bewustwording en bescherming draagt de Tour & Taxis-campagne bij aan hun strijd voor meer UV-preventie, met een aandeel in Sundo’s +5.000.000 smeerbeurten is het gelukt om 31,33 kg plastic te besparen.
Brussel-Stad 209
Sint-Jans-Molenbeek 65
Anderlecht 18
Laken 41
Evere 9
Schaarbeek 9
Etterbeek 10
Elsene 50
St-Gillis 103
Swish Fest
Terwijl de basketbalwedstrijden van de Olympische Zomerspelen 2024 in Parijs plaatsvonden van 27 juli tot 11 augustus 2024, werd de discipline tegelijkertijd geëerd door Tour & Taxis in samenwerking met Swish Nation. Swish Fest’, het allereerste basketbalfestival in Brussel, werd gelanceerd in de Gare Maritime. Deze iconische ruimte bood plaats aan open velden voor geïmproviseerde wedstrijden, vaardigheids- en schietwedstrijden waarbij heel wat geschenken te winnen vielen. Dit alles in een feestelijke sfeer, onderbroken door een DJ en de heruitzending van de belangrijkste Olympische wedstrijden, vergezeld van drankjes en eten om je te verfrissen. Het evenement, dat de Brusselse basketbalgemeenschap samenbracht in een vriendelijke en sportieve sfeer, was volledig gratis en voor iedereen toegankelijk.
Berrefonds
Het Berrefonds werd in februari 2009 opgericht door Christine en Wouter. Wat begon als een klein initiatief om ouders die een kind verloren hadden te ondersteunen met herinneringsobjecten, is uitgegroeid tot een organisatie die zich richt op het bijstaan van families en zorgverleners bij het verwerken van dergelijk ingrijpend verlies. Het Berrefonds is de afgelopen jaren flink gegroeid en wil een warme plek zijn, een rots in de branding, een thuisbasis waar je altijd welkom bent. Daarom is het Berrefonds het Koesterhuis ® concept gestart. Een Koesterhuis is een warme plek voor de wijde kring rond een overleden kind waar iedereen welkom is die behoefte heeft aan een praatje, een luisterend oor, inspiratie of gewoon warme gezelligheid zonder woorden. Naast het eerste koesterhuis in Antwerpen opende Berrefonds in 2024 nog twee Koesterhuizen in Kortrijk en Hasselt. Nextensa steunde het Berrefonds door de expertise van haar medewerkers in te zetten voor de renovatie van de Koesterhuizen in Kortrijk en Hasselt. Met het harde werk van 19 Nextensa teamleden, die vele andere lieve vrijwilligers van de vereniging hielpen, werden deze prachtige huizen de nieuwe thuisbasis van het Berrefonds.
Stad van Morgen
Het organiseren van de tentoonstelling ‘Stad van Morgen’ in Gare Maritime, is een unieke kans om de oplossingen voor steden van morgen onder de aandacht te brengen. De samenwerking met de Solar Impulse Foundation, opgericht door Bertrand Piccard, die als doel heeft om op een educatieve manier de oplossingen voor de ecologische transitie te presenteren, hebben op natuurlijke wijze hun plaats gevonden in deze convergentielocatie die illustreert hoe innovatie en duurzaamheid de stadsplanning van morgen opnieuw kunnen definiëren.
“Namens de Solar Impulse Foundation willen we onze grote dankbaarheid uitspreken voor de steun aan de tentoonstelling “Stad van Morgen”, die genereus werd ontvangen in het Gare Maritime. We zijn u oneindig dankbaar voor het aanbieden van een nieuwe tussenstop voor ons educatieve initiatief, dat het mogelijk maakte om, gedurende vier maanden, een groot publiek van 35.000 bezoekers mee te nemen op de paden van de oplossingen van morgen en om, in navolging van deze tentoonstelling, prachtige evenementen op meerdere formaten te organiseren. Ook een voorwendsel om in de pers uiting te geven aan de optimistische en pragmatische visie van Bertrand Piccard.Voortbouwend op het enthousiasme dat door dit initiatief is gegenereerd, zullen we deze educatieve component blijven ontwikkelen om een meer duurzame en ecologische stedelijke toekomst te inspireren. We hopen opnieuw met uw organisatie te kunnen samenwerken aan toekomstige projecten!” Michèle Piccard, Directeur Bedrijfscommunicatie.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
157 Nextensa’s mensen
Investeren in het welzijn van medewerkers door te zorgen voor een gezonde werkplek waar de principes van gelijke kansen, diversiteit en inclusie essentieel zijn. Zorgen voor betrokken medewerkers door goede arbeidsomstandigheden, training en carrièremogelijkheden te bieden.
3.3.3. Investeren in menselijk kapitaal
3.3.3.1. Nextensa’s mensen, ons meest waardevolle kapitaal
ESRS S1: Eigen personeelsbestand - Gelijke behandeling en kansen voor iedereen; Arbeidsomstandigheden
CSRD
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
158
Nextensa beschouwt haar medewerkers als haar meest waardevolle asset en beschouwt hun welzijn en professionele groei als de belangrijkste drijfveren voor een positieve werkomgeving en duurzaam zakelijk succes op lange termijn. We investeren in gerichte trainingsprogramma’s die individuele ontwikkeling ondersteunen en tegelijkertijd een veerkrachtige en inclusieve bedrijfscultuur versterken. Deze betrokkenheid wordt versterkt door onze materialiteitsanalyse, waarin het welzijn van werknemers als een risico wordt aangemerkt dat aandacht verdient: slechte arbeidsomstandigheden, waaronder een onevenwichtige balans tussen werk en privéleven, ontoereikende lonen en een lage werktevredenheid, kunnen leiden tot verminderde productiviteit en uitdagingen op het gebied van retentie, wat uiteindelijk van invloed is op onze activiteiten. Door de werkomstandigheden voortdurend te verbeteren, willen we dit risico vermijden en toptalent aantrekken, ondersteunen en behouden, wat zorgt voor een bloeiende en effectieve organisatie.
Nextensa’s mensen in cijfers
De verhouding tussen mannelijke en vrouwelijke werknemers in de organisatie was in 2024 48% mannen tegen 52% vrouwen. Drie van de acht (37,5%) bestuursleden zijn vrouwen en er zitten geen vrouwen in het directiecomité van Nextensa. Nextensa heeft een directiecomité van vier leden en een middenkader van 12 medewerkers (42% vrouwen - 58% mannen). Vanwege de aard van de business en de projectspecifieke context van vastgoed(her)ontwikkeling blijft Nextensa vertrouwen op haar fijnmazige netwerk van onafhankelijke projectmanagers en experts. Deze worden tijdelijk ingeschakeld op basis van de veranderende vraag naar nieuw te realiseren projecten of te verwerven activa. De organisatie verwacht in 2025 ook een beroep te kunnen doen op een groot aantal zelfstandige professionals, die allemaal werken in overeenstemming met de arbeids- en sociale wetgeving die is vastgelegd in de arbeidswetgeving van de landen waar zij gevestigd zijn. Voor rapporteringsdoeleinden heeft het topic ‘Nextensa’s mensen’ betrekking op het eigen personeelsbestand, dat zowel mensen omvat die in een arbeidsrelatie staan met het bedrijf (“werknemers”) als niet-werknemers die een project- of missiegebonden contract (korte of langere periode) hebben (“zelfstandigen”). Dit is ook het geval in de cijfers die in voorgaande jaren werden gerapporteerd, zelfstandige collega’s worden voor alle cijfers meegerekend (met uitzondering van ziekte, arbeidsongevallen en verloning).
| Diversiteit in geslacht binnen Raad van Bestuur | Totale diversiteit in geslacht | Vaste vs tijdelijke contracten | Werknemers vs zelfstandigen | Diversiteit in geslacht bij het directiecomité | |
|---|---|---|---|---|---|
| Vrouw (3) | 38% | 52% (40) | |||
| Man (5) | 62% | 48% (37) | |||
| Vaste contracten | 100% | ||||
| Tijdelijke contracten | |||||
| Werknemers | 71% (55) | ||||
| Zelfstandigen | 29% (22) | ||||
| Vrouw | 100% (4) |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
159
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Teamleden Raad van Bestuur | 8 | 8 | 8 |
| Executief comité | 4 | 4 | 4 |
| Management | 12 | 10 | 7 |
| Overige teamleden | 61 | 59 | 71 |
| Totaal teamleden (excl. RvB) | 77 | 73 | 82 |
Personeelsbestand naar geslacht per functiecategorie
Bestuur naar geslacht
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Vrouw | 3 | 3 | 5 |
| Man | 5 | 5 | 3 |
Executief comité
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Vrouw | 0 | 0 | 0 |
| Man | 4 | 4 | 4 |
Management
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Vrouw | 5 | 5 | 2 |
| Man | 7 | 5 | 5 |
Overige teamleden
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Vrouw | 35 | 31 | 35 |
| Man | 26 | 28 | 36 |
Totaal diversiteit (excl. RvB)
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Vrouw | 52% | 49% | 45% |
| Man | 48% | 51% | 55% |
Personeelsbestand naar regio
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| België | 65 | 62 | 71 |
| Luxemburg | 11 | 10 | 10 |
| Oostenrijk | 1 | 1 | 1 |
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Interne organisatie | |||
| Werktijd | |||
| Full-time teamleden | 69 | 65 | 76 |
| Part-time teamleden | 8 | 8 | 6 |
| Vrouw (FT) | 34 | 31 | 32 |
| Vrouw (PT) | 6 | 5 | 5 |
| Man (FT) | 35 | 34 | 44 |
| Man (PT) | 2 | 3 | 1 |
| Full-time teamleden | 90% | 89% | 93% |
| Part-time teamleden | 10% | 11% | 7% |
Werktijd per regio
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| België: Full-time teamleden | 58 | 55 | |
| België: Part-time teamleden | 7 | 7 | |
| Luxemburg: Full-time teamleden | 10 | 9 | |
| Luxemburg: Part-time teamleden | 1 | 1 | |
| Oostenrijk: Full-time teamleden | 1 | 1 | |
| Oostenrijk: Part-time teamleden | 0 | 0 |
Type contracten
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Vaste contracten | 77 | 72 | 79 |
| Tijdelijke contracten | 0 | 1 | 3 |
| Vrouw (VC) | 40 | 35 | 36 |
| Vrouw (TC) | 0 | 1 | 1 |
| Man (VC) | 37 | 37 | 43 |
| Man (TC) | 0 | 0 | 2 |
| Vaste contracten | 100% | 99% | 96% |
| Tijdelijke contracten | 0% | 1% | 4% |
Type contracten per regio
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| België: Vaste contracten | 65 | 61 | |
| België: Tijdelijke contracten | 0 | 1 | |
| Luxemburg: Vaste contracten | 11 | 10 | |
| Luxemburg: Tijdelijke contracten | 0 | 0 | |
| Oostenrijk: Vaste contracten | 1 | 1 | |
| Oostenrijk: Tijdelijke contracten | 0 | 0 |
Alle gegevens ivm de teamleden worden uitgedrukt in headcount, behalve voor trainingsuren en onkosten, die worden uitgedrukt in Full-Time Equivalents (FTE).
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
160
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Verloop werknemers | |||
| Verloop totaal tijdens de verslagperiode | 14 | 15 | 21 |
| Personeelsverloop tijdens de verslagperiode | 18% | 21% | 26% |
Diversiteit - Personeelsbestand
| Medewerkers die geen werknemer zijn (zelfstandigen) | 2024 | 2023 | 2022 |
|---|---|---|---|
| Zelfstandig | 22 | 24 | 32 |
| Werknemers | 55 | 49 | 50 |
| Zelfstandig (%) | 29% | 33% | 39% |
| Werknemers (%) | 71% | 67% | 61% |
Diversiteit van het personeelsbestand naar leeftijd per functiecategorie (%)
Executief comité
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Jonger dan 30 jaar | 0 | 0 | 0 |
| Tussen 30 en 50 jaar | 2 | 2 | 2 |
| Ouder dan 50 jaar | 2 | 2 | 2 |
| Totaal | 5% | 5% | 5% |
Management
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Jonger dan 30 jaar | 0 | 0 | 0 |
| Tussen 30 en 50 jaar | 6 | 7 | 5 |
| Ouder dan 50 jaar | 6 | 3 | 2 |
| Totaal | 16% | 14% | 9% |
Overige teamleden
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Jonger dan 30 jaar | 11 | 11 | 8 |
| Tussen 30 en 50 jaar | 35 | 32 | 38 |
| Ouder dan 50 jaar | 15 | 16 | 25 |
| Totaal | 79% | 81% | 87% |
Diversiteit van het personeelsbestand naar leeftijd (%)
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Jonger dan 30 jaar | 14% | 15% | 10% |
| Tussen 30 en 50 jaar | 56% | 56% | 55% |
| Ouder dan 50 jaar | 30% | 29% | 35% |
| 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|
| Loopbaanontwikkeling | |||
| Opleiding en ontwikkeling van personeelsbestand | |||
| Werknemers die jaarlijks worden beoordeeld naar geslacht | |||
| Vrouw (%) | 100% | 100% | 100% |
| Man (%) | 100% | 100% | 100% |
| Gemiddeld aantal uren opleiding naar geslacht | |||
| Vrouw | 19,31 | 26,29 | |
| Man | 14,00 | 37 | |
| Totaal | 16,76 | 19,94 | 23,07 |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
161
Beleid en acties op het gebied van welzijn, opleiding, evaluatie en beloning
Welzijn: Het welzijn van de werknemers blijft een topprioriteit voor Nextensa en zijn HR-team, met voortdurende investeringen in zowel de fysieke werkplek als in mentaal welzijn. Nextensa heeft hiervoor een actieplan ontwikkeld dat elk jaar wordt herzien op basis van een enquête onder de werknemers. In 2024 deed Nextensa voor dit onderzoek een beroep op Balencio, een spin-offbedrijf van UCLouvain. Balencio is een platform dat het succes van werknemers stimuleert en werkgevers nuttige inzichten biedt om KPI’s te meten, op te volgen en actie te ondernemen die van invloed zijn op de betrokkenheid en het potentieel van werknemers. Het in kaart brengen van de risicofactoren van het menselijk kapitaal is vaak de eerste stap om organisaties resultaatgericht te kunnen aansturen. Op basis van een wetenschappelijke methodologie brengt een 360 graden mapping alle kansen en uitdagingen met betrekking tot het dagelijks management van de werknemers in kaart en geeft sterke aanbevelingen op basis van anonieme geaggregeerde gegevens. De scans van Balencio houden rekening met een groot aantal factoren om het menselijk kapitaal van bedrijven te evalueren, waaronder vaardigheden, kennis, betrokkenheid, werktevredenheid en bedrijfscultuur. Door de correlaties tussen deze factoren te analyseren, kunnen weloverwogen beslissingen worden genomen om het actieplan aan te passen volgens een prioriteitenmatrix en het welzijn van de werknemers te verbeteren.

Wetenschappelijke scans van menselijk kapitaal dankzij multifactoriële modellen gevalideerd door UCLouvain
| Very unfavourable (0 - 2.5) | Unfavourable (2.51 - 5) | Marginal (< 50%) | Favourable (5.01 - 7.5) | Very favourable (7.51 - 10) | |
|---|---|---|---|---|---|
| TO TRANSFORM (Major risks) | X | ||||
| TO CORRECT (Moderate risks) | X | ||||
| TO CONSOLIDATE (Positive factors) | X | ||||
| TO CULTIVATE (Resources) | X | ||||
| Scores | |||||
| Frequencies (% blue and green) |
| FACTORS | INDICATORS |
|---|---|
| Professional environment | Professional |
| ICT | Behavioral |
| Personal traits | Cognitive |
| Private life | Emotional |
| Lifestyle | Physical |
162
De resultaten, gebaseerd op een deelname van 53 medewerkers bevestigden dat het werk dat vorig jaar werd gedaan op vlak van visie, missie en doelen een positieve impact had. Bovendien werden er betere scores geregistreerd op responsiviteit en ondersteuning van het management dankzij het gestructureerde jaarlijkse trainingsplan dat in 2023 werd geïmplementeerd op basis van leiderschapstrainingen en coachingsessies om managementvaardigheden te versterken.# 3.3.4. Voorbeeldig bestuur
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
163
Vooruitblik
Nextensa beschouwt zijn werknemers als zijn grootste troef en zet zich in voor een gezonde, inclusieve en ondersteunende werkomgeving. Gelijke kansen, diversiteit en welzijn vormen de kern van de aanpak en zorgen voor een werkplek waar iedereen zich kan ontplooien. Investeren in goede werkomstandigheden, professionele ontwikkeling en carrièregroei versterkt niet alleen de tevredenheid van werknemers, maar stimuleert ook zakelijk succes op de lange termijn.
Hoewel het onderwerp niet als materieel werd beschouwd tijdens de dubbele materialiteitsanalyse, wil Nextensa zich aansluiten bij de ESRS S1-doelstellingen voor eerlijke behandeling, gelijke kansen en het handhaven van hoge normen op de werkplek. Initiatieven op het gebied van welzijn richten zich op het verbeteren van de fysieke werkplek, het aanpakken van psychosociale risico's en het aanmoedigen van open communicatie en samenwerking. Via de Nextensa Academy en externe trainingsprogramma’s worden werknemers voortdurend ondersteund in hun groei.
Het beoordelings- en beloningsbeleid bevordert transparantie, stemt individuele en teamdoelen af op de bedrijfsdoelstellingen en zorgt tegelijkertijd voor gelijke beloning voor gelijk werk. Hoewel er een loonkloof tussen mannen en vrouwen bestaat, heeft deze vooral te maken met verschillen in ervaring en positie en niet zozeer met ongelijkheid. Terwijl Nextensa naar de toekomst kijkt, blijft het zich inzetten voor de empowerment, ontwikkeling en waardering van zijn werknemers, om ervoor te zorgen dat zij de drijvende kracht zijn achter het voortdurende succes.
In onze dubbele materialiteitsanalyse kwamen de governance-aspecten aan bod onder het topic ‘Voorbeeldig Bestuur’, een belangrijk onderwerp voor ons. We erkennen dat een sterk bestuur van fundamenteel belang is voor het waarborgen van transparantie, verantwoordingsplicht en ethisch zakendoen. In hoofdstuk 2 van ons bestuursverslag gaan we nader in op kritische aspecten van ons bestuurskader, waaronder onze bedrijfscultuur, relaties met leveranciers, detectie van corruptie en omkoping en incidenten. Bovendien beschouwen we bestuur als een horizontaal thema dat alle andere onderwerpen beïnvloedt, waardoor ons streven om risico’s effectief te beheren en het vertrouwen van belanghebbenden op de lange termijn te bevorderen, wordt versterkt.
164
3.4. Bijlagen
Lijst Rapportage-eisen ESRS
| Rapportage-eis | Hoofdstuk in het duurzaamheidsverslag | Pagina | Opname door middel van verwijzingen | Infasering van rapportage-eis |
|---|---|---|---|---|
| ESRS 2 BP-1 | Grondslag voor het opstellen | p87 | ||
| BP-2 | · Klimaatbestendigheidsanalyse · GHG scope 1, 2, 3 emissies | p126 - 127 p128 - 132 | ||
| GOV-1 | Samenstelling en rol van leidinggevende organen | p89-90 | p42 - "2.4. Corporate governance verklaring" | |
| GOV-2 | Duurzaamheidsinformatie verschaft aan leidinggevende organen | p90 | ||
| GOV-3 | Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningregelingen | p90 | p64 - "Vergoeding van de CEO en andere leden van het Executief comité" | |
| GOV-4 | Due-diligenceverklaring | p166 | - Bijlage “Due-diligenceverklaring” | |
| GOV-5 | Risicobeheersing en interne controles voor duurzaamheidsrapportage | p88 | ||
| SBM-1 | Strategie, businessmodel en waardeketen | p91 - 93 | p21 - 29 - "Profiel & Strategie" | SBM-1 40 (b), (c) |
| SBM-2 | Belangen en opvatting van stakeholders | p100 | ||
| SBM-3 | Materiële impacts, risco's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel | p97 - 100 | SBM-3 48 (e) | |
| IRO-1 | Proces van de materialiteitsanalyse | p94 - 96 | ||
| IRO-2 | Opgenomen en weggelaten materiële topics | p101 - 102 | E1 E1.GOV-3 | Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningregelingen |
| E1-1 | Transitieplan voor klimaatmitigatie | p109 - 119 | ||
| E1.SBM-3 | Klimaatbestendigheidsanalyse | p126 - 127 | ||
| E1.IRO-1 | Klimaatbestendigheidsanalyse | p126 - 127 | ||
| E1-2 | Beleid ten aanzien van Energie- en emissiemanagement | p106 - 108 | ||
| E1-3 | Maatregelen en middelen | p124 - 127 | ||
| E1-4 | Doelen | p120 - 123 | ||
| E1-5 | Energieverbruik | p128 | ||
| E1-6 | GHG scope 1, 2, 3 emissies | p128 - 132 | E1-6 AR 46 (g), (i), (h), 53, 55 | |
| E1-7 | Broeikasgasverwijderingen | p134 | ||
| E1-8 | Interne koolstofbeprijzing | p134 | ||
| E1-9 | Financiële effecten | p134 | E1-9 (alle datapunten) |
165
Due-diligenceverklaring
| Kernelementen van due diligence | Alinea's in het duurzaamheidsverslag |
|---|---|
| a) Due diligence integreren in governance, strategie en businessmodel | ESRS 2 - Duurzaamheidinformatie verschaft aan leidinggevende organen ESRS 2 - Materiële impacts, risco's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel ESRS 2 - Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningregelingen |
| b) Getroffen stakeholders betrekken bij alle belangrijke stappen van de due diligence | ESRS 2 - Duurzaamheidinformatie verschaft aan leidinggevende organen ESRS 2 - Belangen en opvatting van stakeholders ESRS 2 - Proces van de materialiteitsanalyse E1 - Beleid klimaatmitigatie |
| c) Negatieve impacts in kaart brengen en beoordelen | ESRS 2 - Proces van de materialiteitsanalyse ESRS 2 - Materiële impacts, risco's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel |
| d) Maatregelen nemen om die negatieve impacts aan te pakken | E1 - Transitieplan voor klimaatmitigatie E1 - Maatregelen en middelen |
| e) De effectiviteit van deze inspanningen monitoren en daarover communiceren | E1 - Doelen |
166
Type Groep Wie Communicatiemethoden
| Type | Groep | Wie | Communicatiemethoden |
|---|---|---|---|
| BELANGRIJKSTE STAKEHOLDERS | Nextensa's mensen | Werknemers, zelfstandige consultants die ons op lange termijn bijstaan | Maandelijkse townhall voor het delen van top-down en bottom-up informatie Maandelijkse ‘After Work’-borrel Jaarlijkse evaluatiegesprekken Ten minste één teambuildingevenement per jaar Mogelijkheid voor iedereen om werkgerelateerde opleidingen te volgen Nextensa Academy voor het intern delen van kennis Organisatie van sportactiviteiten Jaarlijks nieuwjaarsevent met inspirerende spreker en lunch Mogelijkheid om gratis |
Type Groep Wie Communicatiemethoden
VERBONDEN STAKEHOLDERS
Leveranciers en partners
Facility managers en leveranciers van veiligheidsdiensten, energieleveranciers, leveranciers, evenement- en hospitality-partners, telecompartners, partners voor het verzamelen van gegevens, IT- partners, partners voor e-mobiliteit, enz.
* Een langdurige samenwerking met leveranciers aangaan
* Innovatieve win-winsituaties creëren
* Aankoopbeleid vanaf 2023
* Informatie over duurzame en innovatieve onderwerpen uitwisselen
Bewoners
Particulieren, families, particuliere investeerders, professionele investeerders, enz.
* Een toegewijde contactpersoon in het salesteam die de klant begeleidt van het eerste contact tot aan de oplevering
* Duidelijke informatie en documentatie
* Een platform voor de klantgemeenschap om de communicatie tussen bewoners en de klantenservice van Nextensa te vergemakkelijken
* Tevredenheidsonderzoek
* Nieuwsbrieven
Bouwteams
Architecten, studiebureaus, hoofdaannemers, grote onderaannemers, veiligheidscoördinatoren, enz.
* Een langdurige samenwerking met alle partners van de bouwteams aangaan
* Intensief voorbereidend traject met teamoverleg
* Wekelijks werfoverleg
* Informele activiteiten voor een betere samenhang in bouwteams zoals het bezoeken van inspirerende projecten, enz.
* Informatie over duurzaamheid en technische onderwerpen delen
Bezoekers
Bezoekers van evenementen, restaurants, winkelcentra, woonwijken, parken, kantoren enz.
* Online en op locatie duidelijke informatie aanbieden
* Sociale media en nieuwsbrieven
* Informatie over toegankelijkheid (STOP-principes) en informatie over e-mobiliteit
* Voor bepaalde evenementen zijn er tevredenheidsenquêtes
Overheid
Steden, gemeenten, milieuafdelingen, stedenbouwkundige afdelingen, erfgoedafdelingen, Europa, enz.
* Voorbereidende informele bijeenkomsten met verschillende afdelingen en rondleidingen op locatie
* Afstemming van visie op belangrijke projecten
* Regelmatige en transparante communicatie en overleg over aankomende projecten en tijdens projecten
* Monitoring van nieuwe wetgeving
Lokale gemeenschappen
- Intens overleg en samenwerking
- Evenementen voor buurtbewoners organiseren
- Lokale organisaties ondersteunen door ruimtes en kamers aan te bieden of door sponsoring
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 168
Type Groep Wie Communicatiemethoden
EXTERNE STAKEHOLDERS
Rating- bureaus voor duurzaamheid
- Jaarlijks duurzaamheidsverslag
- Gegevensuitwisseling per e-mail
- Vragenlijsten
Concurrenten
- Michel van Geyte aangeduid als voorzitter van ULI Belgium & Luxemburg
- Informele bijeenkomsten
- Nextensa is regelmatig gastspreker op evenementen in de sector: Realty, Spryg, Derde Long, enz.
- Deelname aan Taxonomy commission UPSI BVS
- Inzichten en informatie delen tijdens workshops
Overige organisaties
Katholieke Universiteit Leuven, beroepsverenigingen en -organisaties (VBO, BECI, UPSI- BVS en Belgische Vereniging van Beursgenoteerde Vennootschappen), The Shift, Flux 50, Madaster, Vito, enz.
* Lidmaatschap
* Partnerschappen voor het delen van kennis op het gebied van innovatie en circulariteit
* Voortdurende naleving van de geldende regelgeving
* Deelname aan sectoroverleg en kennisvoorziening
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 169
Vastgoedverslag
4 Park Lane - België
Belangrijkste (her)ontwikkelingsprojecten in 2024
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 171
Kantoren
PROJECTBESCHRIJVING
In het Groothertogdom Luxemburg zijn Nextensa en Promobe de drijvende krachten achter de ontwikkeling van de Cloche d’Or. Cloche d’Or combineert kantoren, woningen, winkels en recreatiefaciliteiten en heeft als bestemming een gemengde, innovatieve, levendige en duurzame wijk. Tegen 2035 zullen er zo’n 45.000 mensen wonen, werken, studeren en zich amuseren. Cloche d’Or is hét nieuwe referentiepunt voor bedrijven in Luxemburg. Er zijn al verschillende prestigieuze internationale bedrijven aanwezig in het district: PwC, Deloitte, Intesa San Paolo, Alter Domus, enz. Om zakelijke klanten te ondersteunen en het dienstenaanbod uit te breiden, wordt medio 2025 een B&B-hotel geopend in Cloche d’Or.
PARTNERS
- Promobe
- IMPAKT Real Estate
- Axento Immo
LOCATIE
Boulevard Friedrich Wilhelm Raiffeisen – Boulevard Kockelscheuer
Hét referentiepunt als zakendistrict in Luxemburg
CLOCHE D’OR KANTOREN
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 172
VLAKBIJ
De wijk Cloche d'Or ligt op 4 km van het centrum van Luxemburg-stad, en op minder dan 3 km van het centraal station. Dicht bij het nieuwe treinstation Howald. Een nieuwe tramlijn zal zorgen voor een vloeiende verbinding met de wijk Kirchberg en het centrum van Luxemburg-stad. Cloche d'Or-winkelcentrum.
PROJECTTYPE
Residentieel • Kantoren • Retail • Recreatie
DUURZAAMHEIDSPROFIEL
Alle gebouwen voldoen aan de strengste duurzaamheidsnormen van de Deutsche Gesellschaft für Nachhaltiges Bauen (Duitse vereniging voor duurzaam bouwen). Stadsverwarmingsnet. Warmtekrachtkoppelingstechnologie. Prioriteit voor zachte mobiliteit. Creatie van een ecologische corridor die het nieuwe Gasperich-park verbindt, het grootste park in de hoofdstad van 16 hectare dat wordt begrensd door de Weierbach-rivier.
EYE-CATCHERS
Cloche d’Or bestaat uit een evenwichtige mix van nieuwe gebouwen, ontworpen door een groot aantal toonaangevende architectenbureaus. Het gloednieuwe park beschikt over 15 hectare open ruimte, een grote vijver, thematische speelterreinen, een fruitboomgaard en een amfitheater voor evenementen.
PROJECTDETAILS
Status: in ontwikkeling. Timing: 2014 – TBD.
UPDATE OVER DE KANTOORGEBOUWEN VAN CLOCHE D'OR IN 2024
De gebouwen White House en Emerald zijn voor 100% verhuurd aan prestigieuze huurders die op zoek zijn naar hoogwaardige kantoren die voldoen aan de hoogste ESG- normen en duurzaamheidsuitdagingen. InterTrust Group (CSC), het advocatenkantoor STIBBE, PWC... hebben gekozen voor White House en Emerald. Vooruitkijkend bevinden de kantoorgebouwen Rock, Lofthouse en Stairs zich in de planningsfase. Deze projecten zijn klaar om te voldoen aan de groeiende vraag naar hoogwaardige kantooromgevingen. Er zijn momenteel gesprekken gaande met potentiële huurders voor de Rock en Lofthouse, wat onze proactieve benadering van toekomstige ontwikkeling weerspiegelt. State Street, een van de grootste financiële dienstverleners ter wereld, gaat zijn Luxemburgse hoofdkantoor verhuizen naar het Stairs-gebouw in de levendige wijk Cloche d’Or. Het gebouw van 9.700 m², dat momenteel in aanbouw is, zal naar verwachting in de eerste helft van 2026 worden opgeleverd.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 173
Kantoren
PROJECTBESCHRIJVING
Sinds jaren worden de erfgoedgebouwen van Tour & Taxis gerenoveerd en herontwikkeld. De laatste fase omvat de herbestemming van het Hôtel des Douanes. Het voormalige douanegebouw, gebouwd in 1907, heeft een rijke geschiedenis. Tijdens het renovatieproces besteedt Nextensa bijzondere aandacht aan dit erfgoed. Door de gevels, dakconstructies en historische trappenhuizen met het grootste respect te behandelen, streeft Nextensa ernaar te voldoen aan de hoogste normen op het gebied van duurzaamheid en circulariteit.
PARTNERS
- CES
- DE MEUTER
- CEVAN
- WYCOR
- SPIE
- SCHINDLER
- VANHOEY
- ARCHI2000
- NEY&PARTNERS
- SHAKE DESIGN
LOCATIE
Tour & Taxis, Picardstraat 1-3, 1000 Brussel
OPPERVLAKTE
6.433 m²
Een kantoor 2.0-oplossing die erfgoed, circulariteit en duurzaamheid verenigt
HÔTEL DES DOUANES
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 174
VLAKBIJ
Gare Maritime: het conferentie centrum Maison de la Poste, de co-working plek van Spaces en de Food Market. De Sheds: aanbod van een veelheid aan evenementen. Het park van Tour & Taxis en de nieuwe vijvers. Het station Brussel-Noord. Kanal Pompidou museum. Suzan Daniel brug. Publiek transport.
DUURZAAMHEIDSPROFIEL
De verwarming en koeling van de werkruimte wordt geregeld door geothermische processen, waardoor het gebruik van fossiele brandstoffen tot een minimum wordt beperkt. Originele bouwelementen zoals de massief granieten trappen, stalen kolommen en het dak zijn behouden met het oog op circulariteit en ‘zero waste’. De elektriciteit wordt opgewekt door een maximale benutting van het dak met zonnepanelen. De LED-armaturen schakelen automatisch uit naargelang de daglichtomstandigheden of de afwezigheid van personeel.# MOONAR
Het regenwater wordt opgevangen en hergebruikt voor sanitaire doeleinden. Het doel is om een uitstekende BREEAM-beoordeling, Well Platinum gold-certificering en DNGB gold-certificering te behalen.
EYE-CATCHERS
- Integratie in de Tour & Taxis-site met alle faciliteiten: voeding, sport, kinderopvang, evenementen, enz.
- Een emblematisch gebouw dat uitzonderlijk erfgoed, duurzaamheid en circulariteit verenigt.
- Een overvloed aan natuurlijk licht door het majestueuze centrale atrium.
- Buitengewoon gevoel van openheid.
- Uitzonderlijk volume en grote glasoppervlakken.
PROJECTDETAILS
- Status: in ontwikkeling.
- Timing: opgeleverd in Q1 van 2025.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
175
Kantoren
PROJECTBESCHRIJVING
Met Moonar wil Nextensa een wat verouderd kantorencomplex uit de jaren negentig naar de 21e eeuw brengen. Mobiliteit, dienstverlening en duurzaamheid staan daarbij centraal. De esplanade tussen de verschillende kantoorgebouwen wordt een groene oase waarin ontmoeting en interactie centraal staan. Nextensa zal ook zijn diensten afstemmen op de toekomstige gebruikers. Moonar, gelegen op een boogscheut van de Luxemburgse luchthaven, is een innovatief kantorenpark dat een ongeëvenaarde toegankelijkheid en een brede waaier aan on- en off-site diensten biedt. Van restaurants tot een speelzaal, fitnessruimte en zelfs medische zorg, het kantorenpark is ontworpen om werknemers alles te bieden wat ze nodig hebben om zich comfortabel en productief te voelen op hun werkplek.
PARTNERS
- Beiler François Frisch
- A2RC
- WIDNELL EUROPE
- GDL SARL
- SITLUX
- SECOLUX
- DESA
- SecoExpert
- GAETANT DE LE HOYE
- NAVCOM Consult
- D3 COORDINATION
- PWC
Innoverende renovatie van een kantorencomplex moonar
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
176
LOCATIE
6 Route de Trèves, Senningerberg
VLAKBIJ
- Luchthaven van Luxemburg.
- Nieuwe tramlijn en busverbinding.
- P+R-zone.
OPPERVLAKTE
Het kantorencomplex bestaat uit zes gebouwen, waarvan er vijf eigendom zijn van Nextensa. Samen goed voor 22.252 m².
PROJECTTYPE
Kantoren
DUURZAAMHEIDSPROFIEL
- Moonar beoogt een ‘BREEAM In-Use Very Good’- certificaat.
- Laadpalen voor elektrische wagens.
- Aanzienlijke verbetering van de warmte-isolatie.
EYE-CATCHERS
- De gloednieuwe groene esplanade zal dienst doen als ontmoetingsplaats tussen de verschillende kantoor- gebouwen.
- De oppervlaktes per individueel gebouw variëren van 300 m² tot 3.600 m².
- Verschillende toegankelijkheidsopties en een reeks diensten op en buiten het terrein.
- Het conciërgeteam biedt eersteklas service.
PROJECTDETAILS
- Status: renovatie gefinaliseerd eind 2024.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
177
Residentieel
PROJECTBESCHRIJVING
Park Lane is één van de twee woonzones die de herbestemming van Tour & Taxis compleet maken. Nextensa ontwikkelt er kwaliteitsvolle en duurzame woningen in een stijlvolle, groene en autoluwe omgeving. Elk gebouw gaat op geheel eigen manier in dialoog met de industriële eigenheid van Tour & Taxis, een inspirerende stadshub waar elke dag iets te beleven valt. Deze nieuwe fase van dit residentieel project, Park Lane fase II, bestaat uit 346 appartementen verdeeld over 11 gebouwen gestructureerd in twee Courtyards op meer dan twee hectare tuinen in de buurt van het Tour & Taxis Park. Van een betaalbare studio tot een prachtig penthouse met grote terrassen, het aanbod trekt de belangstelling van uiteenlopende kopers. Naast de gunstige groene ligging aan Tour & Taxis, biedt deze nieuwe buurt een hoog architectonisch ontwerp met hoogwaardige afwerking en duurzame bouw. De meeste van deze nieuwe constructies zijn zo ontworpen dat het volledige potentieel van de 4 gevels wordt benut, zodat de toekomstige bewoners een 159 oriëntatie kunnen kiezen die perfect bij hen past. Park Lane fase II is ook gericht op zachte mobiliteit. Om dit doel te bereiken zal Nextensa de bewoners 700 fietsplaatsen en 250 ondergrondse parkeerplaatsen ter beschikking stellen. Het project zal in de eerste helft van 2025 worden opgeleverd. Dit nieuwe woonproject weerspiegelt de fundamentele pijlers die Nextensa verdedigt: Innovatie, Impact, Wendbaarheid, Co- creatie, Passie en Duurzaamheid.
Hoogkwalitatieve, duurzame woningen in een groene omgeving PARK LANE
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
178
LOCATIE
Park Lane – Parkdreef, 1000 Brussel
VLAKBIJ
- De Gare Maritime: conferentiecentrum Maison de la Poste, co-working ruimte van Spaces, winkels en de Food Market.
- De Sheds: aanbod aan een groot aantal evenementen.
- Het park van Tour & Taxis en zijn nieuwe vijvers.
- Koninklijk Pakhuis: voeding, hammam, meubel- en decoratiezaak, kapper, kinderdagverblijf enz.
- Suzan Daniel brug.
- Publiek transport.
PROJECTTYPE
Residentieel
DUURZAAMHEIDSPROFIEL
- Zonnepanelen.
- Warmteterugwinning.
- Groene daken.
- Waterterugwinning.
- Autovrije woonzone.
- De afgegraven grond uit fase II van Park Lane werd afgevoerd via het kanaal. In totaal werd 12.800 ton verscheept. Dit komt neer op +/- 550 vrachtwagens die niet uit moesten rijden.
EYE-CATCHERS
- Wonen in een bruisende stadswijk die ruimte biedt voor cultuur, creativiteit, lekker eten en ontspanning.
- De gebouwen van Park Lane combineren nostalgische architecturale elementen met hedendaags design.
- Een groene, autoluwe dreef verbindt Park Lane met de rest van Tour & Taxis.
PROJECTDETAILS
- Status: Fase I is in 2022 opgeleverd. De werkzaamheden van fase II zijn begonnen in juni 2022. Het project zal worden opgeleverd in de eerste helft van 2025.
- Timing: Fase I: 2019 - 2022. Timing Fase II: 2022 - 2025.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
179
Mixed-use
PROJECTBESCHRIJVING
Uitzonderlijk design, duurzaamheid en een sociale mix vormen de kern van de woonontwikkelingen in de wijk Tour & Taxis. Met Lake Side, de laatste fase in de grootschalige stedelijke ontwikkeling van de site, heeft Nextensa bovendien de ambitie om nog een stapje verder te gaan op het vlak van technologie en materialen. Het doel is om niet minder dan 140.000 vierkante meter extra te ontwikkelen als onderdeel van een hoofdzakelijk residentieel programma met 800 nieuwe woningen. Een deel van de woonwijk zal bestaan uit hoogbouw. Kantoorruimte (+- 40.000 m²), restaurants, buurtwinkels (+- 3.000 m²) en openbare voorzieningen (+- 4.000 m²) maken het gemengde programma compleet. Een volledig houten kantoorpaviljoen zal dienen als exemplarisch kantoorgebouw op het gebied van energiebeheer en circulariteit, met ruime terrassen. Aan de Havenlaan verrijst een U-vormige toren voor gemengd gebruik, met kantoren aan de westkant en woningen aan de oostkant. De sokkel van dit verbonden gebouw zal een atrium bevatten dat veel licht binnenlaat en commerciële ruimtes bevat die verkeer, interactie en activiteit genereren. Een gemengde, duurzame en inclusieve stadswijk in een groene omgeving
LAKE SIDE
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
180
Het stedenbouwkundige plan voorziet in een nieuwe groene ruimte tussen de gebouwen, die toegankelijk is voor het publiek. Hier zullen zoveel mogelijk soorten planten, kruiden, bloemen, struiken en bomen worden aangeplant. Het huidige park van Tour & Taxis zal over de hele site worden uitgebreid. Het Lake Side-project is een volgende stap naar een wijk waar wonen, werken, ontspanning en natuur allemaal binnen handbereik zijn. Het doel is ook om er een verkeersvrije locatie van te maken, met alleen ondergrondse parkeergarages. De drie essentiële pijlers zijn het gebruik van intelligente mobiliteit, het oordeelkundig plaatsen van gebouwen en een mix van functies. Met dit nieuwe toekomstgerichte bouwproject biedt Nextensa een innovatief antwoord op een reeks sociale, stedelijke, milieu- en mobiliteitsuitdagingen.
PARTNERS
- 3xn
- Binst-architects
- Bureau-bouwtechniek-nv
- Cobe
- Effekt
- Hub-architecten
- Mvrdv
- Polo
LOCATIE
Tour & Taxis, 1000 Brussel
VLAKBIJ
- Gare Maritime (gemengd gebruik): Food Market, winkels, coworkingkantoren van het bedrijf Spaces.
- Maison de la Poste: conferentie- en vergadercentrum.
- Sheds: grootschalige evenementen.
- Koninklijk Pakhuis: voedingswaren, hammam, meubels en decoratie, winkels, kapper, kinderdagverblijf, enz.
- Tour & Taxis Park en zijn nieuwe vijvers.
- Kunstencentrum KANAL-Centre Pompidou.
- Suzan Danielbrug.
- Openbaar vervoer.
PROJECTTYPE
Mixed-use
DUURZAAMHEIDSPROFIEL
- Doordacht gebruik van bouwmaterialen, geavanceerde technologieën en toekomstbestendige concepten voor hernieuwbare energie.
- Geen gebruik van fossiele brandstoffen.
- Doelstelling: BREEAM Outstanding-certificering voor alle kantoorgebouwen.
- Regenwateropvangsysteem.
- Optimaliseren van de biodiversiteit door het creëren van nieuwe open ruimtes tussen de gebouwen met verschillende soorten grassen, kruiden, bloemen, struiken en bomen.
- Een zo breed mogelijke sociale mix.
EYE-CATCHERS
- Integratie in de Tour & Taxis-site: evenementen, winkels, een ruim aanbod aan restaurants, sportactiviteiten, enz.
- Wonen in een groene en dynamische buurt.
- Perfecte mix van woningen en werkplekken.
- Kwalitatief goede en betaalbare huisvesting.
PROJECTDETAILS
- Status: Vergunningsaanvraagproces aan de gang. Eind september werd het volledigheidscertificaat van Lake Side verkregen voor deze vergunningsaanvraag. Ondertussen werd de milieueffectenstudie in 2024 afgerond.# Cloche d’Or Residentieel
Timing: Einde vergunningaanvraagproces verwacht in Q3 2025.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
181
Residentieel
PROJECTBESCHRIJVING
Cloche d’Or is innovatief en duurzaam, en staat symbool voor het nieuwe stadsleven in Luxemburg. Een baanbrekende stadswijk met een focus op flexibiliteit en duurzaamheid, waar het heerlijk wonen, werken, winkelen en ontspannen is. Cloche d’Or combineert woningen, kantoren, winkels en recreatiefaciliteiten en is bedoeld als een levendige wijk voor gemengd gebruik. Tegen 2035 zullen er zo’n 45.000 mensen wonen, werken, studeren of spelen.
De woonwijken combineren de behoeften van de hedendaagse stadsbewoners met een ambitieuze visie op duurzaamheid. De wooneenheden bieden bewoners lichte, moderne interieurs met hoogwaardige afwerkingen en gemeenschappelijke ruimtes die baden in het zonlicht. Dankzij ultramoderne domotica kunnen ze hun woning bovendien op afstand bedienen. Bewoners bevinden zich op wandelafstand van restaurants, winkels, medische diensten, kantoren, scholen en parken.
Een uitzonderlijk winkelcentrum van 75.000 m² met meer dan 120 winkels en buurtwinkels roept een echt wijkgevoel op. Dit eigentijdse en luchtige ontwerp situeert zich in het centrum van het Groothertogdom en brengt meer dan 120 invloedrijke en inspirerende merken samen op drie verdiepingen, waarvan meer dan de helft exclusief is voor het Groothertogdom Luxemburg. De evenementen, pop-upwinkels en de 20 restaurants, bars en cafés die samen de Food Hall vormen, zorgen het hele jaar door voor een levendige sfeer.
De voetgangerszones en fietspaden in de wijk Cloche d’Or stimuleren duurzame en alternatieve vervoersopties. De wijk profiteert van het gratis openbaar vervoer in Luxemburg en biedt naadloze verbindingen per bus, tram en trein naar het stadscentrum, het Gasperich Park en de groene omgeving van Kockelscheuer. Daarnaast verbetert de nabijgelegen Park and Ride (P+R)-faciliteit met 2.000 parkeerplaatsen de bereikbaarheid, terwijl de gunstige ligging ten opzichte van belangrijke snelwegen zorgt voor een vlotte verbinding met Frankrijk, België en Duitsland.
Dit residentieel project bestaat uit verschillende deelprojecten: het deelproject D-Nord (194 appartementen) zijn opgeleverd in Q1 2023; de oplevering van het deelproject D5-D10 (185 appartementen waarvan 117 appartementen in aanbouw) is verwacht in Q2 2025; een nieuw deelproject D-Tours (ca. 375 appartementen) is in planningsfase.
Daarnaast betekent de samenwerking met B&B HOTELS een aanzienlijke uitbreiding in de hospitality sector, met een hotel van ongeveer 4.500 m² en 150 kamers. Deze ontwikkeling, waarvoor in 2022 een huurovereenkomst is getekend, moet in het tweede kwartaal van 2025 worden opgeleverd en zal de accommodatiemogelijkheden in het gebied vergroten, zowel voor kortetermijnbezoekers als voor langetermijnbewoners.
PARTNERS
- Promobe
- IMP AKT Real Estate
- Axento Immo
LOCATIE
Boulevard de Kockelscheuer, Luxembourg
VLAKBIJ
- Park van Cloche d’Or, restaurants, brasserieën en kantoren in de nieuwe stadswijk.
- Cloche d’Or-winkelcentrum.
- Dicht bij het nieuwe treinstation Howald.
- Een nieuwe tramlijn zal zorgen voor een vloeiende verbinding met de wijk Kirchberg en het centrum van Luxemburg-stad.
PROJECTTYPE
Residentieel
DUURZAAMHEIDSPROFIEL
- Alle gebouwen voldoen aan de strengste duurzaamheidsnormen van de Deutsche Gesellschaft für Nachhaltiges Bauen (Duitse vereniging voor duurzaam bouwen).
- Stadsverwarmingsnet.
- Warmtekrachtkoppelingstechnologie.
- Prioriteit voor zachte mobiliteit.
- Elegante integratie van openbaar vervoer.
- Creatie van een ecologische corridor die het nieuwe Gasperich-park verbindt, het grootste park in de hoofdstad van 16 hectare dat wordt begrensd door de Weierbach-rivier.
EYE-CATCHERS
- Het tijdloze, minimalistische ontwerp van de verschillende wooneenheden biedt veel ruimte voor een persoonlijk tintje.
- Ruime loggia’s brengen de buitenwereld naar binnen en/ of vice versa.
- Met de nieuwste domotica-toepassingen kunnen bewoners hun woning op afstand bedienen.
PROJECTDETAILS
- Status: in ontwikkeling.
- Timing: 2020 - TBD.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen
183
Kantoren
PROJECTBESCHRIJVING
Treemont is klaar om het volgende hoofdstuk te worden in onze focus op duurzame ontwikkeling; na eerdere succesvolle ontwikkelingen op het Square de Meeûs en de Rue Montoyer, zal het de tweede houten constructie worden met een CO2-neutrale voetafdruk. Treemont wordt een kantoorgebouw als geen ander. De nieuwe houten constructie zal ongeveer 2.783 m² kantoorruimte bieden op 6 verdiepingen. Elke verdieping heeft een vrije hoogte van bijna 2,90 meter met ramen van de grond tot aan het plafond. Het opvallende ontwerp en de hoogwaardige materialen creëren een opmerkelijke ervaring voor iedereen die het gebouw betreedt. Maar wat Treemont echt onderscheidt, is de tuin die zichtbaar wordt vanaf de straat. Een oase van rust in het drukke stadscentrum.
PARTNERS
- Archi2000
- SWECO
- Arcade
- Pauwels
- Bureau De Fonseca
- Sureal
- Bopro
LOCATIE
Montoyerstraat 24, Brussel
Van TREE naar MONToyer
treemont
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen
184
OPPERVLAKTE
2.783 m²
VLAKBIJ
- Strategische locatie in de Montoyerstraat.
- In het hart van de Europese wijk.
- Groenvoorzieningen, winkels en restaurants.
- Openbaar vervoer.
PROJECTTYPE
Kantoren
DUURZAAMHEIDSPROFIEL
- Houtskeletbouw.
- PEFC-hout uit duurzame bosbouw.
- Groen dak.
- Zonnepanelen en warmtepompen.
- Terugwinning van water.
- Datagestuurde verwarming en koeling.
- CO2-neutraal.
- Verwachte certificering: ‘BREEAM’ Excellent.
EYE-CATCHERS
- Houten basiselementen zorgen voor een natuurlijke uitstraling.
- De glazen wanden en hoge plafonds creëren een transparantie en openheid die een ongeëvenaarde werkervaring bieden.
- Het prachtige uitzicht op de Europese wijk.
- De hoge mate van flexibiliteit, co-working spaces en de transparante entreehal en vergaderruimtes.
- Een geautomatiseerd luchtbehandelingssysteem, bewegingsgedetecteerde LED-verlichting en data-gestuurde verwarming en koeling zijn allemaal aanwezig.
- De prachtige natuurlijke tuin zal aansluiten op de straat en biedt een rustige oase voor huurders om na te denken over hun dag en een zee van rust voor iedereen die er doorheen loopt.
PROJECTDETAILS
- Status: het vergunningsaanvraagproces is lopende.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen
185
Kantoren
PROJECTBESCHRIJVING
De vergunningsaanvraag voor het nieuwe gebouw ‘MonTree’, de herontwikkeling van het kantoorgebouw gelegen te 20 Avenue Monterey en het in 2023 aangekochte gebouw gelegen te 18 Avenue Monterey in Luxemburg-Stad, is in volle voorbereiding. De huidige huurder CVC heeft het gebouw Monterey 20 eind Q2 2024 verlaten, waarna beide gebouwen eveneens zullen worden herontwikkeld tot één nieuw CO2- neutraal kantoorgebouw in hout naar het voorbeeld van Monteco en Treemont in Brussel. Met zijn tijdloos elegante houten gevel vormt MonTree een nieuwe wind in de architectuur, een eerbetoon aan de schoonheid van de natuur die verzoend is met de stad. Het gebouw wordt zowel een ecologisch manifest als een nieuw model van verantwoord chic.
PARTNERS
- Architect Moreno
- Ney
- CES
LOCATIE
18-20 Avenue Monterey, Luxemburg
Een uitzonderlijk adres voor een architecturaal juweel in hout
montree
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen
186
VLAKBIJ
- Een van de belangrijkste straten in de centrale zakenwijk van de stad Luxemburg: Boulevard Royal.
- Strategische locatie in het hart van de stad Luxemburg.
- Deze wijk, een echt kruispunt van economisch leven, komt tegemoet aan alle hedendaagse uitdagingen in een superieure omgeving.
- Het tramstation, de parkings, restaurants, winkels en openbare parken in de buurt zorgen voor al het comfort dat u nodig hebt.
PROJECTTYPE
Kantoren
DUURZAAMHEIDSPROFIEL
- Houtskeletbouw.
- PEFC-hout uit duurzame bosbouw.
- Groen dak.
- Zonnepanelen en warmtepompen.
- Terugwinning van water.
- Datagestuurde verwarming en koeling.
- CO2-neutraal.
- Verwachte certificering: ‘BREEAM’ Excellent.
EYE-CATCHERS
- 250 m² groene buitenruimte.
- Flexibele, modulaire kantoorvloeren.
- De meest prestigieuze wijk van Luxemburg.
PROJECTDETAILS
- Status: de vergunningsaanvraag is ingediend.
- Timing: de oplevering wordt verwacht in het vierde kwartaal van 2026.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen
187
next level Real estate
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen
188
Cloche d’Or - Luxemburg
VASTGOEDPORTEFEUILLE
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen
189
Knauf Shopping Schmiede
- Knauf Shopping Schmiede, 3 Op d'Schmëtt, Schmiede/Huldange
- Type: Retail
- Oppervlakte: 35.684 m²
- Status: Verkocht op 13.02.2025
Winkelcentrum met ongeveer 55 winkels dat zich situeert in het noorden van het Groothertogdom Luxemburg, op de grens tussen Luxemburg, België en Duitsland.
Knauf Shopping Pommerloch
- Knauf Shopping Pommerloch, 19 Route de Bastogne, Pommerloch
- Type: Retail
- Oppervlakte: 33.082 m²
- Status: Verkocht op 13.02.2025
Shoppingcentrum met een 60-tal winkels, in het hart van de Luxemburgse Ardennen, vlakbij Bastenaken in België.# Groothertogdom Luxemburg
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 190
Boomerang
Shoppingcenter Hornbach
Boomerang Shoppingcenter, 1 Route d’Arlon, Strassen
Type: Retail
• Oppervlakte: 22.721 m²
• Status: Voltooid
Shoppingcentrum gelegen aan één van de belangrijkste toegangswegen naar Luxemburg-stad: de Route d’Arlon.
Hornbach, 31 Rue du Puits Romain, Bertrange
Type: Retail
• Oppervlakte: 12.153 m²
• Status: Voltooid
Bouw-, doe-het-zelf- en tuincenter in Bertrange.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 191
Diekirch
Rue du Cimetière, Diekirch
Type: Retail
• Oppervlakte: 10.199 m²
• Status: Voltooid
Retailsite gelegen aan de N7 te Diekirch.
Dudelange
Place Schwarzenweg, Dudelange
Type: Retail
• Oppervlakte: 3.759 m²
• Status: Voltooid
Deze supermarkt in Dudelange herbergt galerijen, winkelruimtes, bakkerijen, magazijnen, kantoren en een cafetaria, evenals talrijke parkeerplaatsen in de onmiddellijke omgeving.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 192
Moonar
High 5!
High5!, 110-112 Route d’Arlon, Luxemburg
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 8.641 m²
• Status: Voltooid
Kantoorgebouw gelegen in de hoofdstad van het Groothertogdom Luxemburg, aan de Route d’Arlon, één van de belangrijkste toegangswegen naar Luxemburg Stad.
Moonar, 6 Route de Trèves, Senningerberg
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 22.252 m² (5 gebouwen)
• Status: In ontwikkeling
Maakt deel uit van een kantorencomplex van zes gebouwen op wandelafstand van de luchthaven van Luxemburg. Nextensa is 100% eigenaar van 5 van de 6 gebouwen op de site.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 193
Montree
Hygge
Montree, 18-20 Avenue Monterey, Luxemburg
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 2.846 m²
• Status: Vergunningsaanvraag is ingediend
Het kantoorgebouw aan de Montereylaan 20 en het in 2023 aangekochte gebouw aan de Montereylaan 18 in Luxemburg zullen worden herontwikkeld tot één nieuw CO2-neutraal kantoorgebouw in hout naar het voorbeeld van Monteco en Treemont in Brussel. De oplevering wordt verwacht in het vierde kwartaal van 2026.
Hygge, 35 Avenue Monterey, Luxemburg
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 1.639 m²
• Status: Verkocht in mei 2024
Een gerenoveerd kantoorgebouw met alle comfort gelegen in een van de belangrijkste straten van het Central Business District van Luxemburg-Stad.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 194
Brixton
Retail Park
Treemont
België
Treemont, Montoyerstraat 24, Brussel
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 2.800 m²
• Status: Het vergunningsaanvraagproces is lopende
Nextensa plant een emissievrij kantoorgebouw met houtconstructie van zo’n 2.800 m², genaamd ‘TreeMont’, te ontwikkelen.
Brixton Retail Park, Weiveldlaan 27, Zaventem
Type: Retail
• Oppervlakte: 15.072 m²
• Status: Verkocht in december 2024
De site van Brixton Retail Park is ideaal gelegen vlak bij de E40, een van de belangrijkste toegangswegen naar Brussel, en omvat 7 winkels.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 195
Gare Maritime
Hôtel des Douanes
Gare Maritime, Tour & Taxis, Picardstraat 7-13, Brussel
Type: Mixed-use
• Oppervlakte: 58.085 m²
• Status: Voltooid
Dit voormalige stationsgebouw, dat tot de jaren 1980 in gebruik was, is 280 meter lang, 140 meter breed en 24 meter hoog, en herbergt nu 12 houten paviljoenen voor werkruimtes, winkels en evenementen.
Hôtel des Douanes, Tour & Taxis, Picardstraat 1-3, Brussel
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 6.433 m²
• Status: Finale oplevering verwacht in Q1 2025
In het eerste kwartaal van 2024 is er op de Tour & Taxis-site nog 6.500 m² aan beschikbare kantooroppervlakte bijgekomen door de oplevering van het Hôtel des Douanes. Dit gebouw dat oorspronkelijk dienst deed als administratief centrum voor douanezaken van de Tour & Taxis-site, wordt opnieuw een toonbeeld van duurzaamheid.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 196
Maison de la Poste
Koninklijk Pakhuis
Koninklijk Pakhuis, Tour & Taxis, Havenlaan 88, Brussel
Type: Mixed-use
• Oppervlakte: 45.204 m²
• Status: Voltooid
Multifunctioneel en ‘multi-tenant’ gebouw met 4 verdiepingen, verspreid over kantoren (32.076 m²), commerciële ruimten (7.293 m²) en archieven (5.835 m²).
Maison de la Poste, Tour & Taxis, Picardstraat 5-7, Brussel
Type: Evenementen
• Oppervlakte: 3.000 m²
• Status: Voltooid
Een historisch administratief gebouw gerenoveerd tot een conferentie- en vergadercentrum.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 197
De Mot
Sheds
Sheds, Tour & Taxis, Havenlaan 88, Brussel
Type: Evenementen
• Oppervlakte: 17.000 m²
• Status: Voltooid
Een van de grootste en meest flexibele evenementenlocaties in Brussel.
De Mot, Motstraat 30, Mechelen
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 13.927 m²
• Status: Voltooid
Het businesscentrum in het De Mot-gebouw in Mechelen biedt flexibele kantooroplossingen voor eenmanszaken of ruime, open kantoren voor grote bedrijven, evenals eersteklas vergader- en seminarruimtes op maat van uw individuele behoeften.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 198
Hangar 26/27
Monteco
Montoyerstraat 63
Monteco, Montoyerstraat 14, Brussel
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 3.655 m²
• Status: Voltooid
Nextensa heeft in een joint venture met ION een baanbrekend project op het gebied van duurzaam bouwen ontwikkeld in de Europese wijk: het eerste hoogbouwproject in houtskeletbouw in Brussel. Monteco, een samentrekking van ‘Montoyer’ en ecologisch’, is dé referentie voor een nieuwe generatie circulaire kantoorgebouwen.
Montoyerstraat 63, Brussel
Type: Kantoren
• Oppervlakte: 6.052 m²
• Status: Voltooid
Montoyer 63 ligt in de Leopoldwijk in Brussel, in het hart van de Europese instellingen. Het gebouw is op maat opgericht voor het Europees Parlement om hun opleidingscentrum te huisvesten.
Hangar 26/27, Rijnkaai 100, Antwerpen
Type: Mixed-use
• Oppervlakte: 9.171 m²
• Status: Voltooid
Iconisch gebouw op het Eilandje in Antwerpen, met onmiddellijk zicht enerzijds op de Schelde en anderzijds op het MAS (Museum aan de Stroom).
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 199
Hornbach
Stadlau
Frunpark Asten
Oostenrijk
DE VASTGOEDPORTEFEUILLE IN OOSTENRIJK BESTAAT UIT 5 RETAILPARKEN:
Hornbach Stadlau, Stadlauerstrasse 37, Wenen
Type: Retail
• Oppervlakte: 13.000 m²
• Status: Voltooid
Retailsite met een enkele huurder, namelijk HORNBACH Baumarkt.
Frunpark Asten, Handelsring 8-10, Asten
Type: Retail
• Oppervlakte: 20.000 m²
• Status: Voltooid
Frunpark Asten is gelegen in de buurt van de stad Linz en bestaat uit 30 winkels en 600 parkeerplaatsen.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 200
Gewerbepark Stadlau
Vösendorf
Nordring 2-10
Nordring 16-18
Gewerbepark Stadlau, Stadlauerstrasse 37, Wenen
Type: Retail
• Oppervlakte: 10.977 m²
• Status: Voltooid
Gewerbepark Stadlau is een uitstekend gelegen, drukbezocht winkelcentrum met een toonaangevende positie in de stad Wenen.
Nordring 2-10, Vösendorf
Type: Retail
• Oppervlakte: 14.832 m²
• Status: Voltooid
Het winkelcentrum Vösendorf Nordring 2-10 bevindt zich in Vösendorf, in de regio Wenen, vlak naast Westfield Shopping City Süd, het grootste winkelcomplex van Oostenrijk en de belangrijkste winkel- en vrijetijds-bestemming in het zuiden van Wenen. Het biedt een breed scala aan toonaangevende internationale merken.
Nordring 16-18, Vösendorf
Type: Retail
• Oppervlakte: 11.035 m²
• Status: Voltooid
Het winkelcentrum Vösendorf Nordring 16-18 bevindt zich in Vösendorf, in de regio Wenen, vlak naast Westfield Shopping City Süd, het grootste winkelcomplex van Oostenrijk en de belangrijkste winkel- en vrijetijdsbestemming in het zuiden van Wenen. Het biedt een breed scala aan toonaangevende internationale merken.
Inhoud
• Profiel & Strategie
• Jaarverslag
• Duurzaamheidsverslag
• Vastgoedverslag
• Geconsolideerde financiële staten 2024
• Bijlagen 201
ANALYSE VAN DE VASTGOEDPORTEFEUILLE
Analyse van de vastgoedportefeuille o.b.v. reële waarde
Evolutie van de reële waarde
De reële waarde bedraagt eind 2024 € 1,05 miljard (2023: € 1,30 miljard). Deze daling wordt verklaard door de negatieve afwaardering van de vastgoedportefeuille en de verkoop van enkele gebouwen gedurende 2024 en de activa aangehouden voor verkoop (€ 165,75 miljoen) betreffende de Knauf shoppingcentra in Luxemburg dewelke verkocht werden per 13 februari 2025. Nextensa is actief in 3 kernlanden, nl. het Groothertogdom Luxemburg (34%), België (48%) en Oostenrijk (18%).
Aard van de activa
Kantoren vertegenwoordigen 39% van de geconsolideerde vastgoedportefeuille en retail 42%. Het deel ‘overige’ vertegenwoordigt 19% van de geconsolideerde vastgoed- portefeuille.# Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
202
Gemiddelde ouderdom
Huurbreaks (eerste opzegmogelijkheid en contractueel verzekerde huurinkomsten)
Door de herontwikkelingen in de portefeuille is het aandeel gebouwen van 0-5 jaar aanzienlijk toegenomen (betreft voornamelijk kantoren), conform de waarderingsregels van Nextensa. Dit criterium is minder van belang voor retail, aangezien retailers zelf voor hun inrichting zorgen op basis van hun retailconcept en hun keuze voornamelijk locatiegebonden is. De grafiek is opgesteld op basis van de eerste opzegmogelijkheid van de huidige huurcontracten op basis van de contractuele huur. De gemiddelde resterende looptijd van de huurcontracten bedraagt 4,34 jaar (2023: 4,31 jaar). 17% van de contractuele huur op jaarbasis vervalt volgend jaar. Binnen 5 jaar vervalt 44% van de contractuele huur. Huren die te vervallen kwamen in 2024 werden grotendeels allemaal hernieuwd of ingevuld door andere huurders aan marktconforme voorwaarden. Voor meer informatie verwijzen we we naar bijlage 4 van de financiële staten.
0-5 jaar: 42%
5-10 jaar: 39%
10-15 jaar: 19%
15 jaar: 0%
2025: 21%
2026-2027: 27%
2028-2029: 49%
2030-2031: 3%
2032-2033: 0%
2034-2035: 0%
2035: 0%
203
BEZETTINGSGRAAD DETAIL VAN HET RENDEMENT
Per activaklasse en geografisch.
| Retail | Kantoren | Overige | |
|---|---|---|---|
| België | 5,52% | 5,88% | 8,75% |
| Luxemburg | 6,29% | 7,00% | 5,54% |
| Oostenrijk | 49% | 21% | 27% |
Voortschrijdend gemiddelde Bezettingsgraad
| 31/12/2018 | 31/12/2019 | 31/12/2020 | 31/12/2021 | 31/12/2022 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bezettingsgraad (%) | 90% | 91% | 92% | 93% | 94% | 95% | 96% |
204
TYPE HUURDERS O.B.V. HUURINKOMSTEN
Retail en diensten maken 71% van de vastgoedportefeuille uit.
Uitsplitsing naar categorie:
- Retail: 47%
- Deco/home: 38%
- DIY: 5%
- Vrije tijd, speelgoed, huisdieren: 28%
- Mode, schoenen, schoonheid: 2%
- Multimedia: 2%
- Andere: 4%
- Diensten: 24%
- Restaurant: 7%
- Diensten: 7%
- Voeding: 10%
- Financiële sector: 6%
- ICT: 4%
- Industrie: 6%
- Medisch & Pharma: 3%
- Overheid & Non-profit: 9%
- Transport & Distributie: 1%
205
Lake Side - België
Samenstelling van de vastgoedportefeuille o.b.v. reële waarde
OVERZICHT PANDEN MET EEN AANDEEL VAN MEER DAN 5% IN DE TOTALE VASTGOEDPORTEFEUILLE
Voor meer informatie betreffende de segmentinformatie verwijzen we naar bijlage 3 van de financiële staten.
- Gare Maritime
- Moonar (EBBC)
- T&T
- Koninklijk Pakhuis
INDELING VOLGENS GEOGRAFISCHE LIGGING
De vermelde contractuele huur verschilt van de huurinkomsten die werden erkend in de resultatenrekening aangezien de contractuele huur de huurinkomsten van de acquisities annualiseert (terwijl de effectief ontvangen huurinkomsten pas worden opgenomen in de financiële staten vanaf de verwervingsdatum) en de huurinkomsten op de verkochte gebouwen niet meer in rekening neemt.
| 56% | < 5% | |
|---|---|---|
| Retail | ||
| Kantoren | ||
| Overige | ||
| België | ||
| Luxemburg | ||
| Oostenrijk |
206
INDELING VOLGENS TYPE VASTGOED
| Reële waarde (€ mio) | Investerings- waarde (€ mio) | Aandeel in de portefeuille (%) | Contractuele huur (€ mio/Y) | Huurrendement op reële waarde (%) | Huurrendement op investerings- waarde (%) | Bezettingsgraad (%) | Duurtijd (jaar) | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Retail | ||||||||
| Retail Groothertogdom Luxemburg | 114,46 | 117,33 | 9% | 6,73 | 5,88% | 5,74% | 99,93% | 6,89 |
| Retail België | 39,00 | 39,97 | 3% | 2,15 | 5,52% | 5,38% | 81,00% | 0,27 |
| Retail Oostenrijk | 188,34 | 193,05 | 16% | 11,85 | 6,29% | 6,14% | 100,00% | 5,83 |
| Totaal Retail | 341,80 | 350,35 | 28% | 20,73 | 5,94% | 5,92% | 93,64% | 4,33 |
| Kantoren | ||||||||
| Kantoren Groothertogdom Luxemburg | 116,57 | 119,48 | 10% | 10,20 | 8,75% | 8,54% | 62,62% | 3,89 |
| Kantoren Brussel | 313,08 | 319,42 | 26% | 15,40 | 4,92% | 4,82% | 91,58% | 7,93 |
| Kantoren rest van België | 49,99 | 51,24 | 4% | 3,49 | 6,98% | 6,81% | 81,60% | 2,57 |
| Totaal kantoren | 479,64 | 490,14 | 40% | 29,09 | 5,80% | 5,94% | 78,60% | 4,80 |
| Overige | ||||||||
| Overige België | 86,59 | 90,36 | 7% | 6,12 | 7,06% | 6,77% | NA | 0,71 |
| Overige Groothertogdom Luxemburg | 0,78 | 0,80 | 0% | 0,00 | 0,00% | 0,00% | NA | 0,00 |
| Totaal overige | 87,37 | 91,16 | 7% | 6,12 | 7,00% | 6,71% | NA | 0,71 |
| Investeringsvastgoed | 908,81 | 931,65 | 75% | 55,94 | 5,99% | 6,00% | 87,85% | 4,34 |
| Activa aangehouden voor verkoop | 165,75 | 166,02 | 14% | 14,12 | - | - | - | - |
| Vastgoed beschikbaar voor verhuur | 1.074,56 | 1.097,67 | 89% | 70,07 | 5,99% | 6,38% | 87,85% | 4,34 |
| Recht op gebruik IFRS 16 | 2,26 | |||||||
| Investeringsvastgoed (incl IFRS 16) | 1.076,82 | |||||||
| Projecten België | 23,38 | 23,97 | 2% | - | ||||
| Projecten Groothertogdom Luxemburg | 114,87 | 117,77 | 10% | - | ||||
| Totaal Nextensa inclusief projecten | 1.212,82 | 1.239,41 | 100% | 70,07 | ||||
| Totaal Nextensa inclusief projecten (incl. IFRS 16) | 1.215,07 |
207
Operationeel beheer van de gebouwen
ACTIEF BEHEER
De vennootschap streeft ernaar om haar vastgoed actief te ontwikkelen en te beheren wat impliceert dat zij zelf instaat voor het dagelijks beheer van de onroerende goederen. Daartoe beschikt zij over een operationeel team dat door het executief comité aangestuurd en geleid wordt overeenkomstig de beslissingen van de raad van bestuur. Op die manier onderhoudt zij rechtstreekse relaties met haar cliënten en leveranciers. In het kader van haar actief beheer staat zij ook in voor diverse aanvullende diensten die een toegevoegde waarde vormen bij de terbeschikkingstelling van haar vastgoed of voor de gebruikers ervan. De aanvullende dienstverlening behelst – buiten het incasso van de huurgelden en de doorrekening van de gemeenschappelijke lasten aan de huurders – verschillende diensten zoals onder andere het property management (al of niet met inschakeling van een eigen helpdesk om de problemen van de klanten-huurders snel op te vangen), project management (zoals het aanwezig zijn van ingenieurs en/of architecten om de nodige renovatie- of aanpassingswerken bij nieuwe verhuringen met aannemers en/of onderaannemers te coördineren) en facility management (zoals de terbeschikkingstelling van extra diensten bv. catering, vergaderzalen, computersystemen, telefonie, etc.). Deze aanvullende diensten zijn een middel om haar activiteiten uit te voeren en vormen een meerwaarde voor zowel de door haar ter beschikking gestelde onroerende goederen als de gebruikers ervan. Deze diensten kaderen in de strategie van de vennootschap om in te spelen op de behoeften van haar klanten en op die manier op maat gemaakte vastgoedoplossingen op lange termijn te kunnen aanbieden. Deze aanvullende diensten worden ofwel door eigen personeel geleverd ofwel door derde gespecialiseerde ondernemingen die dan onder de verantwoordelijkheid, controle en coördinatie van de effectieve leiding van de vennootschap staan. De inkomsten uit de overige aanvullende diensten zijn inbegrepen in de huurinkomsten van de vennootschap. De “aanvullende diensten” die de vennootschap in het kader van haar activiteiten aanbiedt, zijn immers inherent aan de activiteiten van de vennootschap, en kunnen niet worden afgezonderd in afzonderlijke cijfers. Deze aanvullende diensten dienen met andere woorden kwalitatief te worden bekeken, waarbij de “vergoeding” (en dus inkomsten) voor de aanvullende diensten zich vertaalt (vertalen) in de vergoeding die de vennootschap ontvangt in het kader van de uiteindelijke terbeschikkingstelling van de gebouwen. Het volledige operationele team dat verantwoordelijk is voor het algemeen management, de commerciële contacten met de huurders en vastgoedmakelaars, de boekhouding, de juridische activiteiten, de administratie en het technisch vastgoedbeheer bestaat eind 2024 uit een 25-tal personen. De vennootschap doet ook een beroep op onderaannemers of externe leveranciers die effectief onder de verantwoordelijkheid, de controle en de coördinatie van de effectieve leiding van de vennootschap blijven staan.
208
Tour & Taxis - België
209
5 Treemont - België
GECONSOLIDEERDE FINANCIËLE STATEN EN TOELICHTINGEN
De geconsolideerde financiële staten van Nextensa NV werden goedgekeurd door de leden van de Raad van Bestuur in februari 2025.# Geconsolideerde financiële staten
Geconsolideerde staat van gerealiseerde en niet gerealiseerde resultaten (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | ▲ | ▲ % | |
|---|---|---|---|---|
| Netto huuropbrengsten vastgoedbeleggingen | 72.179 | 70.522 | 1.657 | 2% |
| Vastgoedkosten | -11.720 | -13.189 | 1.469 | -11% |
| Resultaat verkoop vastgoedbeleggingen | 3.500 | 2.074 | 1.426 | 69% |
| Variaties in de reële waarde van vastgoedbeleggingen | -50.786 | -11.202 | -39.584 | 353% |
| Overige kosten/opbrengsten vastgoedportefeuille | 367 | 778 | -411 | -112% |
| OPERATIONEEL RESULTAAT VASTGOEDBELEGGINGEN | 13.540 | 48.982 | -35.443 | -72% |
| Omzet ontwikkelingsprojecten | 56.372 | 51.024 | 5.348 | 10% |
| Kosten ontwikkelingsprojecten | -51.257 | -46.650 | -4.607 | 10% |
| Andere resultaten ontwikkelingsprojecten | 5.189 | 4.858 | 331 | 7% |
| Winst (verlies) uit beleggingen vermogens mutatie | 4.364 | 8.904 | -4.540 | -51% |
| OPERATIONEEL RESULTAAT ONTWIKKELINGSPROJECTEN | 14.669 | 18.136 | -3.467 | -19% |
| RESULTAAT VASTGOEDBELEGGINGEN & ONTWIKKELINGSPROJECTEN | 28.209 | 67.118 | -38.910 | -58% |
| Algemene kosten van de vennootschap | -11.416 | -11.255 | -161 | 1% |
| Andere operationele kosten en opbrengsten | -1.261 | -672 | -589 | 88% |
| OPERATIONEEL RESULTAAT | 15.532 | 55.191 | -39.659 | -72% |
| Financiële inkomsten | 14.021 | 11.080 | 2.940 | 27% |
| Financiële kosten | -28.544 | -25.252 | -3.292 | 13% |
| Variaties in de reële waarde van financiële activa en passiva | -12.524 | -7.286 | -5.238 | 72% |
| FINANCIEEL RESULTAAT | -27.047 | -21.458 | -5.589 | 26% |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN | -11.515 | 33.733 | -45.248 | -134% |
| Uitgestelde belastingen | 11.751 | 5.771 | 5.980 | 104% |
| Vennootschapsbelasting | -11.381 | -15.300 | 3.920 | -26% |
| BELASTINGEN | 371 | -9.529 | 9.900 | -104% |
| NETTO RESULTAAT | -11.144 | 24.204 | -35.348 | -146% |
| Minderheidsbelangen | -317 | -288 | -28 | 10% |
| NETTO RESULTAAT (DEEL VAN DE GROEP) | -10.827 | 24.492 | -35.319 | -144% |
Andere elementen van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Variaties in het effectieve deel van de reële waarde van toegelaten indekkingsinstrumenten in een kasstroomafdekking zoals gedefinieerd in IFRS | -3.321 | -3.364 |
| Andere elementen van de gerealiseerde en niet- gerealiseerde resultaten | -3.321 | -3.364 |
| Minderheidsbelangen | -317 | -288 |
| Andere elementen van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten – aandeel Groep | -3.321 | -3.364 |
| GLOBAAL RESULTAAT | -14.465 | 20.840 |
| Toerekenbaar aan: | ||
| Minderheidsbelangen | -317 | -288 |
| Globaal resultaat – aandeel Groep | -14.148 | 21.128 |
| NETTO RESULTAAT (DEEL VAN DE GROEP) | -10.827 | 24.492 |
Resultaten per aandeel (in €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Globaal resultaat per aandeel, aandeel groep | -1,39 | 2,11 |
| Globaal resultaat per deelgerechtigd aandeel, aandeel groep | -1,40 | 2,13 |
| Netto resultaat per aandeel, aandeel groep | -1,06 | 2,45 |
| Netto resultaat per deelgerechtigd aandeel, aandeel groep | -1,07 | 2,46 |
Geconsolideerde balans
ACTIVA (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| VASTE ACTIVA | 1.252.778 | 1.486.064 |
| Immateriële vaste activa | 378 | 624 |
| Vastgoedbeleggingen | 1.049.325 | 1.288.844 |
| Andere materiële vaste activa | 7.497 | 8.697 |
| Deelnemingen vermogensmutatie | 82.424 | 69.706 |
| Verb. ondernemingen: vorderingen | 8.500 | 6.250 |
| Financiële vaste activa | 94.717 | 108.194 |
| Vorderingen financiële leasing | 0 | 0 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 9.937 | 3.750 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 447.146 | 295.225 |
| Activa bestemd voor verkoop | 165.750 | 9.230 |
| Voorraden | 108.901 | 102.079 |
| Onderhanden werken in uitvoering | 60.891 | 75.118 |
| Financiële vlottende activa en vorderingen financiële leasing | 0 | 0 |
| Handelsvorderingen | 32.805 | 22.777 |
| Belastingsvorderingen en andere vlottende activa | 64.274 | 71.636 |
| Kas en kasequivalenten | 8.590 | 11.128 |
| Overlopende rekeningen | 5.934 | 3.257 |
| TOTALE ACTIVA | 1.699.924 | 1.781.289 |
PASSIVA (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Totaal eigen vermogen | 812.139 | 844.516 |
| I. EIGEN VERMOGEN TOEWIJSBAAR AAN DE AANDEELHOUDERS VAN DE MOEDERVENNOOTSCHAP | 812.487 | 834.048 |
| Kapitaal | 111.856 | 109.997 |
| Uitgiftepremies | 448.398 | 442.803 |
| Inkoop eigen aandelen | -4.608 | -4.608 |
| Reserves | 267.663 | 261.085 |
| Wisselkoersverschillen | 6 | 280 |
| Nettoresultaat van het boekjaar | -10.827 | 24.492 |
| II. MINDERHEIDSBELANGEN | -348 | 10.468 |
| VERPLICHTINGEN | 887.785 | 936.773 |
| I. LANGLOPENDE VERPLICHTINGEN | 480.816 | 618.568 |
| Voorzieningen - andere | 382 | 2.264 |
| Langlopende financiële schulden | 432.062 | 562.159 |
| Kredietinstellingen | 327.004 | 457.345 |
| Andere | 102.740 | 102.497 |
| IFRS 16 | 2.318 | 2.318 |
| Andere langlopende financiële verplichtingen | 1.248 | 436 |
| Andere langlopende verplichtingen | 0 | 0 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 47.125 | 53.709 |
| II. KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN | 406.968 | 318.204 |
| Voorzieningen | 350 | 350 |
| Kortlopende financiële schulden | 339.548 | 235.790 |
| Kredietinstellingen | 257.838 | 109.493 |
| Andere | 81.710 | 126.297 |
| Andere kortlopende financiële verplichtingen | 0 | 0 |
| Handelsschulden en andere kortlopende schulden | 33.346 | 39.565 |
| Handelsschulden | 26.745 | 26.046 |
| Fiscale en sociale schulden | 6.601 | 13.519 |
| Andere kortlopende verplichtingen | 12.496 | 11.570 |
| Overlopende rekeningen | 21.229 | 30.930 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.699.924 | 1.781.289 |
| Financiële schuldgraad (financiële schulden / balanstotaal) | 45,39% | 44,80% |
Geconsolideerde kasstroomtabel
Geconsolideerde kasstroomtabel (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| KAS EN KASEQUIVALENTEN BEGIN BOEKJAAR | 11.128 | 31.106 |
| 1. Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 2.531 | 6.043 |
| Netto resultaat | -10.827 | 24.492 |
| Minderheidsbelangen | -317 | -288 |
| Aandeel in netto resultaat van investeringen vermogensmutatie | -4.364 | -8.904 |
| Aanpassing aan de winst voor niet-kas en niet aan de bedrijfsacticiteit gelieerde elementen | 18.039 | 21.342 |
| Afschrijvingen, waardeverminderingen en belastingen | 1.281 | 10.585 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen op immateriële en andere materiële vaste activa (+/-) | 1.281 | 1.060 |
| Waardeverminderingen op vlottende activa (-) | 0 | -3 |
| Belastingen | 0 | 9.528 |
| Andere niet-kas elementen | 63.310 | -3.837 |
| Variatie in de reële waarde van vastgoedbeleggingen (+/-) | 50.786 | -11.202 |
| Spreiding van gratuïteiten (+/-) | 0 | 0 |
| Toename (+) / Afname (-) in de reële waarde van financiële activa en passiva | 12.524 | 7.286 |
| Overige transacties van niet courante aard | 0 | 80 |
| Niet aan de bedrijfsactiviteit gelieerde elementen | 10.652 | 13.847 |
| Meerwaarden bij realisatie vaste activa | -3.500 | -2.074 |
| Ontvangen dividenden | -6.757 | -6.621 |
| Terugneming financiële opbrengsten en financiële kosten | 20.909 | 22.542 |
| Variatie in de behoefte van het werkkapitaal | -44.909 | -29.405 |
| Beweging van de activa | -7.763 | -11.420 |
| Beweging van verplichtingen | -37.146 | -17.985 |
| Bewegingen in voorzieningen (+/-) | 6 | 0 |
| Betaalde belastingen | -12.301 | -12.532 |
| 2. Kasstroom uit investeringsactiviteiten | 43.660 | -31.292 |
| Investeringen | ||
| Vastgoedbeleggingen in exploitatie | -15.488 | -37.341 |
| Projectontwikkelingen | -12.588 | -34.677 |
| Immateriële en materiële vaste activa | -474 | -2.806 |
| Financiële vaste activa | 0 | 0 |
| Desinvesteringen | 72.211 | 43.532 |
Geconsolideerde kasstroomtabel (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| 3. Kasstroom uit financieringsactiviteiten | -48.730 | 5.270 |
| Verandering in financiële verplichtingen en financiële schulden | ||
| Toename (+) van de financiële schulden | 79.901 | 45.279 |
| Afname (-) van de financiële schulden | -106.241 | 0 |
| Toename (+) / Afname (-) van de andere financiële verplichtingen | -1.749 | 0 |
| Ontvangen financiële opbrengsten | 7.264 | 4.459 |
| Betaalde financiële kosten | -28.961 | -23.503 |
| Ontvangen dividenden | 6.757 | 6.621 |
| Verandering in andere verplichtingen | ||
| Toename (+) / Afname (-) in andere verplichtingen | 0 | 0 |
| Verandering in eigen vermogen | ||
| Wijziging van het kapitaal en uitgiftepremies (+/-) | 0 | 0 |
| Kosten kapitaalverhoging | 0 | 0 |
| Toename (+) / Afname (-) van eigen aandelen | 0 | 0 |
| Dividend van het vorige boekjaar | -7.451 | -25.836 |
| Kas en kasequivalenten voor impact van koersschommelingen in kas en kasequivalenten | 8.590 | 11.128 |
| Kas en kasequivalenten bekomen door middel van bedrijfscombinaties | 0 | 0 |
| Impact van koersschommelingen in kas en kasequivalenten | 0 | 0 |
| KAS EN KASEQUIVALENTEN EINDE BOEKJAAR | 8.590 | 11.128 |
Geconsolideerde staat van wijzigingen in kapitaal en reserves
| Kapitaal | Uitgifte- premie | Ingekochte eigen aandelen (-) | Reserves | Hedge reserves | Netto resultaat van het boekjaar | Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders van de moederonderneming | Minderheids- belangen | Totaal eigen vermogen | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Balans volgens IFRS op 31/12/22 | 109.997 | 442.803 | -4.608 | 213.232 | 6.064 | 71.310 | 838.798 | 10.718 | 849.516 |
| - Uitkering slotdividend vorig boekjaar | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -25.836 | -25.836 | 0 | -25.836 |
| - Bedrijfscombinaties - omrekeningsverschillen | 0 | 0 | 0 | -3 | 0 | 0 | -3 | -3 | -3 |
| - Transfert netto resultaat 2022 naar reserves | 0 | 0 | 0 | 71.310 | 0 | -71.310 | 0 | 0 | 0 |
| - Globaal resultaat van het boekjaar 2023 (12 maanden) | 0 | 0 | 0 | 0 | -3.364 | 24.492 | 21.128 | -288 | 20.840 |
| Balans volgens IFRS op 31/12/23 | 109.997 | 442.803 | -4.608 | 258.665 | 2.700 | 24.492 | 834.048 | 10.468 | 844.516 |
| - Uitkering slotdividend vorig boekjaar | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -7.452 | -7.452 | 0 | -7.452 |
| - Onderneming in scope - out scope | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -10.461 | -10.461 |
| - Transfert netto resultaat 2023 naar reserves | 0 | 0 | 0 | 24.492 | 0 | -24.492 | 0 | 0 | 0 |
| - Globaal resultaat van het boekjaar 2024 (12 maanden) | 0 | 0 | 0 | 0 | -3.321 | -10.827 | -14.148 | -317 | -14.465 |
| Balans volgens IFRS op 31/12/24 | 111.856 | 448.398 | -4.608 | 268.289 | -620 | -10.827 | 812.487 | -348 | 812.139 |
Gare Maritime - België
TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE FINANCIËLE STATEN AFGESLOTEN PER 31 DECEMBER 2024# BIJLAGE 1 ALGEMENE INFORMATIE
De geconsolideerde jaarrekening van Nextensa NV voor het boekjaar lopende van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2024 omvat Nextensa NV en haar dochterondernemingen. De geconsolideerde jaarrekening werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur, gehouden op 11 februari 2025 en zal aan de jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders ter kennisname worden voorgelegd op 19 mei 2025. De geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld volgens IFRS. Nextensa wordt opgenomen in de consolidatie van Ackermans & van Haaren NV.
BIJLAGE 2 BELANGRIJKE GRONDSLAGEN VOOR FINANCIËLE VERSLAGGEVING IFRS-waarderingsregels geconsolideerde jaarrekening Nextensa NV
A. CONFORMITEITSVERKLARING
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt conform de International Financial Reporting Standards en IFRIC-interpretaties van kracht per 31/12/2024, zoals goedgekeurd door de Europese Commissie. In het voorbije boekjaar zijn verschillende nieuwe of gewijzigde standaarden en interpretaties in werking getreden. De toegepaste grondslagen van de financiële verslaggeving zijn consistent met die van het vorig boekjaar, met uitzondering van de hierna volgende wijzigingen. De aard en impact van elk van de volgende nieuwe boekhoudregels, wijzigingen en/of interpretaties worden hieronder beschreven:
NIEUWE EN GEWIJZIGDE STANDAARDEN EN INTERPRETATIES DIE IN WERKING ZIJN GETREDEN VOOR HET BOEKJAAR DAT EEN AANVANG HEEFT GENOMEN OP 1 JANUARI 2024.
De Groep heeft bepaalde nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties voor het eerst toegepast. Deze zijn van toepassing op boekjaren die aanvangen vanaf 1 januari 2024. De Groep heeft andere nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties die gepubliceerd maar nog niet van toepassing zijn, niet vervroegd toegepast.
Hoewel deze nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties voor het eerst zijn toegepast in 2024, hadden zij geen materiële invloed op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep. Hieronder worden de aard en het effect van de nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties toegelicht:
- Aanpassingen aan IAS 1 “Presentatie van de Jaarrekening: Classificatie van verplichtingen als kortlopend of langlopend en Langlopende Verplichtingen met Convenanten”.
- Aanpassingen aan IFRS 16 “Leaseovereenkomsten: Leaseverplichting in een Sale and Leaseback”.
- Aanpassingen aan IAS 7 “Het Kasstroomoverzicht” en IFRS 7 “Financiële Instrumenten: Toelichtingen: Regelingen voor Leveranciersfinancieringen”.
STANDAARDEN EN INTERPRETATIES GEPUBLICEERD, MAAR NOG NIET VAN TOEPASSING VOOR HET BOEKJAAR BEGINNEND OP 1 JANUARI 2024:
- Aanpassingen aan IAS 21 “De gevolgen van wisselkoerswijzigingen: Gebrek aan inwisselbaar-heid (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2025)”.
- IFRS 18 “Presentatie en toelichting in de jaarrekening (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2027 maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie)”.
- IFRS 19 “Dochterondernemingen zonder publieke verantwoordingsplicht – Toelichtingen (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2027 maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie)”.
- Aanpassingen aan IFRS 9 en IFRS 7 “Classificatie en waardering van financiële instrumenten (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2026 maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie)”.
- “Jaarlijkse Verbeteringen – Volume 11 (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2026 maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie)”.
- Aanpassingen aan IFRS 9 en IFRS 7 “Contracten met betrekking tot natuurafhankelijke elektriciteit (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2026 maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie)”.
De Groep is van mening dat er geen significante impact wordt verwacht van de inwerkingtreding van deze standaarden in de toekomst met uitzondering van IFRS 18, waarvan de impact onderzocht wordt.
B. VOORSTELLINGSBASIS
De financiële staten worden uitgedrukt in euro, afgerond naar het dichtstbijzijnde duizendtal. Ze werden opgesteld op basis van het historische kostprincipe, met uitzondering van de vastgoedbeleggingen, afgeleide financiële instrumenten, investeringen aangehouden voor handelsdoeleinden en investeringen beschikbaar voor verkoop, die gewaardeerd worden aan hun reële waarde.
Eigen vermogen-instrumenten of afgeleide financiële instrumenten worden gewaardeerd aan kostprijs wanneer het instrument in kwestie geen marktprijs heeft op een actieve markt en wanneer andere methodes waarmee de reële waarde op een redelijke wijze bepaald kan worden, ongeschikt of onuitvoerbaar zijn. Afgedekte activa en passiva worden gewaardeerd aan een reële waarde, rekening houdend met het afgedekte risico.
De boekhoudprincipes werden consistent toegepast. De geconsolideerde financiële staten worden opgesteld vóór winstverdeling van de moedermaatschappij Nextensa NV, zoals die ter goedkeuring voorgelegd zal worden aan de algemene vergadering van aandeelhouders.
De opstelling van de financiële staten volgens de IFRS- normen vereist dat er inschattingen en veronderstellingen worden gemaakt die een invloed hebben op de bedragen die worden opgenomen in de financiële staten, namelijk:
- de waardering van vastgoedbeleggingen aan reële waarde;
- de netto realiseerbare waarde van voorraden;
- het afschrijvingsritme van de vaste activa;
- de waardering van de voorzieningen en de personeelsvoordelen;
- de weerhouden waarderingen voor de impairment tests;
- de waardering van de financiële instrumenten tegen marktwaarde.
Deze inschattingen gaan uit van een ‘going-concern’ en werden bepaald in functie van de op dat ogenblik beschikbare informatie. De inschattingen kunnen worden herzien indien de omstandigheden op basis waarvan zij werden bepaald, ondertussen zijn geëvolueerd of indien er nieuwe informatie beschikbaar is. De reële uitkomsten kunnen bijgevolg verschillend zijn van de gemaakte inschatting.
ANDERE BEOORDELINGEN
Hierna volgen de andere beoordelingen, behalve dewelke betrekking hebben op de waardering van het vastgoed (zie beneden), betreft de classificatie van vastgoed evenals de omzetsherkenning van ontwikkelingen die de Raad van Bestuur heeft gevormd bij de toepassing van de waarderingsregels van de Groep en die het meest significante effect hebben op de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen.
Opbrengsterkenning
Wanneer een contract voor de verkoop van een eigendom na voltooiing van de bouw-werkzaamheden wordt geacht te voldoen aan de criteria voor gespreide opbrengsterkenning, worden de opbrengsten opgenomen volgens de ‘percentage of completion’ methode alnaargelang het project vordert. De Groep houdt rekening met de bepalingen en voorwaarden van het contract, inclusief de wijze waarop het contract tot stand is gekomen en de structurele elementen die de klant specificeert bij het identificeren van individuele projecten waarvoor de opbrengsten in de tijd worden opgenomen. Het percentage van voltooiing wordt geschat aan de hand van het stadium van de projecten en de contracten, bepaald op basis van het aandeel van de tot op heden gemaakte contractkosten en de geschatte kosten voor voltooiing. Voorts wordt voor de raming van het percentage van voltooiing rekening gehouden met de verhouding van de verkochte eenheden tot de totale eenheden van het project.
Classificatie van vastgoed
De Groep bepaalt of een onroerend goed wordt geclassificeerd als vastgoedbelegging, voorraad of contractactiva:
- Vastgoedbeleggingen omvatten gebouwen (voornamelijk kantoorgebouwen en retailpanden) die niet hoofdzakelijk worden gebruikt voor gebruik door of in de activiteiten van de Groep, noch voor verkoop in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening, maar hoofdzakelijk worden aangehouden om huuropbrengsten en een waardestijging te realiseren. Deze gebouwen zijn grotendeels verhuurd aan huurders. Vastgoedbeleggingen omvatten vastgoed waarvoor een geldige vergunning is verkregen en waarvan de bouw is aangevat.
- Voorraden bestaan uit terreinen en gebouwen die worden aangehouden voor verkoop in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening en waarvoor geen bouwvergunning is verkregen, de bouw nog niet is aangevangen en, in het geval van een woningbouwproject, nog geen verkoopcontract is ondertekend.
- Contractactiva omvatten woningen waarvoor een geldige vergunning is verkregen, waarvan de bouw is aangevat en waarvoor een verkoopcontract is ondertekend.
C. CONSOLIDATIE-PRINCIPES
De geconsolideerde jaarrekening bevat de jaarrekening van Nextensa NV en haar dochterondernemingen.
I. DOCHTERVENNOOTSCHAPPEN
Dochtervennootschappen zijn entiteiten waarover de vennootschap controle uitoefent. Er is sprake van controle wanneer de vennootschap rechtstreeks of onrechtstreeks de macht heeft om het financiële en operationele beleid van een entiteit te sturen teneinde voordelen te verkrijgen uit diens activiteiten. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekeningen vanaf de begindatum tot de einddatum van de controle. Indien nodig zijn de waarderingsregels voor dochterondernemingen aangepast om de samenhang met de door de groep aangenomen principes te waarborgen. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen die in de consolidatie zijn opgenomen hebben betrekking op dezelfde boekhoudperiode als die van de vennootschap.Wijzigingen in de belangen van de groep in dochtervennootschappen die niet tot een verlies van controle leiden, worden behandeld als eigenvermogenstransacties. De boekwaarde van de belangen van de groep of van derden in dochtervennootschappen wordt aangepast om rekening te houden met de wijzigingen van de respectievelijke belangenniveaus. Elk verschil tussen het bedrag waarmee de minderheidsbelangen worden aangepast en de reële waarde van de betaalde of ontvangen vergoeding, wordt onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen.
II. INVESTERINGEN IN GEASSOCIEERDE VENNOOTSCHAPPEN EN JOINT VENTURES
Een geassocieerde deelneming is een entiteit waarin de Groep een significante invloed heeft. Een significante invloed is de macht om deel te nemen aan de financiële en operationele beleidsbeslissingen van de deelneming, maar houdt geen zeggenschap of gezamenlijke zeggenschap in over het betreffende beleid. Een joint venture is een gezamenlijke regeling waarbij de partijen die gezamenlijke zeggenschap hebben over de regeling, rechten hebben op de netto activa van de gezamenlijke regeling. Gezamenlijke zeggenschap is het contractueel overeengekomen delen van de zeggenschap over een regeling, waarvan alleen sprake is wanneer voor beslissingen over de relevante activiteiten unanieme instemming vereist is van de partijen die de zeggenschap delen.
De resultaten en activa en passiva van geassocieerde deelnemingen of joint ventures worden in deze geconsolideerde financiële staten opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode. Volgens de vermogensmutatiemethode wordt een investering in een geassocieerde deelneming of een joint venture aanvankelijk tegen kostprijs in de geconsolideerde balans opgenomen en vervolgens aangepast om het aandeel van de Groep in de winst of het verlies en de niet-gerealiseerde resultaten van de geassocieerde deelneming of de joint venture op te nemen. Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen van een geassocieerde deelneming of een joint venture groter is dan het belang van de Groep in die geassocieerde deelneming of joint venture, stopt de Groep met de opname van haar aandeel in verdere verliezen. Bijkomende verliezen worden alleen opgenomen voor zover de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting is aangegaan of betalingen heeft verricht namens de geassocieerde deelneming of de joint venture.
Een investering in een geassocieerde deelneming of een joint venture wordt administratief verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode vanaf de datum waarop de deelneming een geassocieerde deelneming of een joint venture wordt. De vereisten van IAS 28 worden toegepast om te bepalen of het noodzakelijk is een bijzondere waardevermindering op te nemen met betrekking tot de investering van de Groep in een geassocieerde deelneming of een joint venture. Indien nodig wordt de volledige boekwaarde van de deelneming (met inbegrip van de goodwill) op bijzondere waardevermindering getoetst overeenkomstig IAS 36 Bijzondere waardevermindering van activa als één enkel actief, door de realiseerbare waarde (hoogste waarde van de bedrijfswaarde en de reële waarde minus verkoopkosten) te vergelijken met de boekwaarde. Een eventueel opgenomen waardevermindering maakt deel uit van de boekwaarde van de belegging. Een terugboeking van die uitzonderlijke waardevermindering wordt overeenkomstig IAS 36 opgenomen in de mate dat de realiseerbare waarde van de investering daarna toeneemt.
De Groep maakt niet langer gebruik van de vermogensmutatiemethode vanaf de datum waarop de investering niet langer een geassocieerde deelneming of een joint venture is, of wanneer de investering wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop. Wanneer de Groep een belang behoudt in de voormalige geassocieerde deelneming of joint venture en het behouden belang een financieel actief is, waardeert de Groep het behouden belang tegen reële waarde op die datum en wordt de reële waarde beschouwd als zijn reële waarde bij eerste opname in overeenstemming met IFRS 9.
Wanneer een groepsentiteit zaken doet met een geassocieerde deelneming of een joint venture van de Groep, worden winsten en verliezen uit de transacties met de geassocieerde deelneming of joint venture alleen in de geconsolideerde jaarrekening van de Groep opgenomen voor zover het gaat om belangen in de geassocieerde deelneming of joint venture die niet met de Groep zijn verbonden.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
222 Belangen in gemeenschappelijke ondernemingen
Een gezamenlijke operatie is een gezamenlijke regeling waarbij de partijen die gezamenlijke zeggenschap over de regeling hebben, rechten hebben op de activa, en verplichtingen voor de passiva, die verband houden met de regeling. Gezamenlijke zeggenschap is het contractueel overeengekomen delen van de zeggenschap over een regeling, waarvan alleen sprake is wanneer voor beslissingen over de desbetreffende activiteiten unanieme instemming vereist is van de partijen die de zeggenschap delen.
Wanneer een entiteit van de Groep haar activiteiten uitvoert in het kader van een gezamenlijke bedrijfsvoering, neemt de Groep als gezamenlijke exploitant met betrekking tot haar belang in een gezamenlijke bedrijfsvoering het volgende op: haar activa, met inbegrip van haar aandeel in eventuele activa die gezamenlijk worden gehouden; haar verplichtingen, met inbegrip van haar aandeel in eventuele gezamenlijk aangegane verplichtingen; zijn opbrengsten uit de verkoop van zijn aandeel in de productie die voortvloeit uit de gezamenlijke operatie; haar aandeel in de opbrengst van de verkoop van de productie van de gezamenlijke operatie; en haar kosten, met inbegrip van haar aandeel in eventuele gezamenlijk aangegane kosten. De Groep verwerkt de activa, verplichtingen, opbrengsten en kosten met betrekking tot haar belang in een gezamenlijke operatie volgens de IFRS- normen die van toepassing zijn op de specifieke activa, verplichtingen, opbrengsten en kosten.
Wanneer een entiteit van de Groep een transactie sluit met een joint venture waarin een entiteit van de Groep een gezamenlijke exploitant is (zoals een verkoop of een bijdrage van activa), wordt de Groep geacht de transactie uit te voeren met de andere partijen bij de joint venture, en worden winsten en verliezen uit de transacties alleen in de geconsolideerde jaarrekening van de Groep opgenomen naar rato van het belang van andere partijen in de joint venture. Wanneer een entiteit van de Groep een transactie sluit met een joint venture waarin een entiteit van de Groep een gezamenlijke exploitant is (zoals een aankoop van activa), neemt de Groep haar aandeel in de winsten en verliezen niet op tot zij deze activa aan een derde partij doorverkoopt.
III. IN DE CONSOLIDATIE GEËLIMINEERDE TRANSACTIES
Er wordt bij het voorbereiden van de geconsolideerde jaarrekeningen geen rekening gehouden met intra-groep saldi en transacties, noch met winsten uit intra-groep transacties. De winsten uit transacties met gezamenlijk gecontroleerde entiteiten worden geëlimineerd in verhouding tot het belang van de groep in die entiteiten. Verliezen worden op dezelfde manier geëlimineerd als de winsten, maar enkel voor zover er geen indicatie is van waardeverlies.
Een lijst van de vennootschappen die deel uitmaken van de groep is opgenomen in bijlage van de geconsolideerde jaarrekeningen. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen worden integraal geconsolideerd vanaf de datum van verwerving tot het einde van de controle.
IV. NIEUWE ACQUISITIES EN BEDRIJFSCOMBINATIE
Nieuwe acquisities die niet onder gemeenschappelijke controle zijn worden conform IFRS 3 verwerkt volgens de overnamemethode. De kostprijs van een bedrijfscombinatie bestaat uit de overnameprijs, de minderheidsbelangen en de reële waarde van voorheen aangehouden aandelenparticipaties in de overgenomen vennootschap. De transactiekosten worden in de winst – en verliesrekening verwerkt. Als de verworven activa geen bedrijf vormen op basis van de classificatie van de onderliggende transactie, dan wordt de transactie verwerkt als een verwerving van vastgoedbeleggingen volgens IAS 40 (en eventuele overige vaste activa conform IAS 16), en bijgevolg wordt na de initiële opname de waardering aan reële waarde (fair value) conform IAS 40 toegepast zoals verder toegelicht onder punt G. Vastgoedbeleggingen.
Combinaties waarover gemeenschappelijk controle wordt uitgeoefend, worden administratief verwerkt in overeenstemming met de uitzondering in IFRS 3, volgens de methode van samenvoeging van belangen. Volgens die methode verwerkt de overnemende partij de combinatie als volgt:
* de activa en verplichtingen van de overgenomen partij worden geboekt tegen boekwaarde (hoewel aanpassingen moeten worden opgenomen om tot uniforme grondslagen voor financiële verslaggeving te komen);
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
223
* immateriële activa en voorwaardelijke verplichtingen worden enkel opgenomen voor zover ze door de overgenomen partij werden opgenomen in overeenstemming met de van toepassing zijnde IFRS;
* er wordt geen goodwill opgenomen.
* Het verschil tussen de kostprijs van de investering van de overnemende partij en het eigen vermogen van de overgenomen partij wordt bij consolidatie afzonderlijk gepresenteerd binnen niet-gerealiseerde resultaten;
* elk minderheidsbelang wordt gewaardeerd als evenredig deel van de boekwaarde van de gerelateerde activa en passiva (zoals aangepast om uniforme waarderingsregels te bereiken);
* eventuele kosten van de combinatie worden onmiddellijk afgeschreven in het overzicht van gerealiseerde en niet- gerealiseerde resultaten;
* vergelijkende bedragen worden aangepast alsof de combinatie had plaatsgevonden aan het begin van de vroegste gepresenteerde vergelijkende periode.
D.# IMMATERIËLE VASTE ACTIVA
Immateriële vaste activa met een bepaalde levensduur worden gewaardeerd aan kostprijs, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en eventuele bijzondere waardeverminderingen. Immateriële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de voorziene gebruiksduur, zijnde 3 jaar tot 5 jaar. De voorziene gebruiksduur wordt op jaarlijkse basis geëvalueerd, evenals de eventuele restwaarde.
Immateriële vaste activa met een onbepaalde levensduur, die eveneens aan kostprijs worden gewaardeerd, worden niet afgeschreven maar worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen en op het ogenblik waarop er zich indicaties van een eventuele waardevermindering voordoen.
Oprichtingskosten worden in resultaat genomen op het moment dat ze zich voordoen.
E. ANDERE MATERIËLE VASTE ACTIVA
De andere materiële vaste activa, exclusief onroerende goederen, worden geboekt tegen aanschaffingswaarde verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en eventueel bijzondere waardeverminderingen. Andere materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de economische levensduur. De voorziene economische levensduur wordt op jaarlijkse basis geëvalueerd, evenals de eventuele restwaarde.
De gebruiksduur van de activa bedraagt:
| Activa | Gebruiksduur |
|---|---|
| zonnepanelen | 20 jaar |
| meubilair | 3 tot 10 jaar |
| informatica materiaal | 3 jaar |
| gebouwen | 25 tot 35 jaar |
| machines | 10 tot 20 jaar |
| uitrusting | 3 tot 10 jaar |
Activa die via leasing worden aangehouden, worden over hun verwachte gebruiksduur afgeschreven op dezelfde basis als activa in eigendom. Wanneer er echter geen redelijke zekerheid bestaat dat de eigendom aan het einde van de leaseperiode zal worden verkregen, worden de activa afgeschreven over de leaseperiode of over hun gebruiksduur, indien deze korter is.
Een materieel vast actief wordt niet langer in de balans opgenomen wanneer het wordt vervreemd of wanneer naar verwachting geen toekomstige economische voordelen meer zullen voortvloeien uit het voortgezette gebruik van het actief.
Winsten of verliezen die voortvloeien uit de vervreemding of buitengebruikstelling van een materieel vast actief worden bepaald als het verschil tussen de verkoopopbrengst en de boekwaarde van het actief en worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
224
F. VASTGOEDBELEGGINGEN
Vastgoedbeleggingen zijn beleggingen in onroerende goederen die aangehouden worden om huurinkomsten op lange termijn te verwerven. De vastgoedbeleggingen omvatten zowel de gebouwen die verhuur klaar zijn (vastgoedbeleggingen in exploitatie), als de gebouwen in aanbouw of in ontwikkeling voor toekomstig gebruik als vastgoedbelegging in exploitatie (herontwikkeling van beleggingsvastgoed).
Vastgoedbeleggingen worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs, inclusief transactiekosten. Na de eerste opname worden vastgoedbeleggingen gewaardeerd tegen reële waarde, conform IAS 40. Elke winst of verlies, na de verwerving van een gebouw, naar aanleiding van een schommeling van de reële waarde wordt in de resultatenrekening verwerkt.
Alle vastgoedbelangen van de Groep die worden aangehouden op grond van een operationele huur-overeenkomst om huuropbrengsten of een waardestijging te realiseren, worden geboekt als vastgoedbeleggingen en worden gewaardeerd volgens het reële-waardemodel. Een externe, onafhankelijke vastgoeddeskundige, bepaalt, op vraag van het management, halfjaarlijks de investeringswaarde van het vastgoed (deze stemt overeen met het vroeger gebruikte begrip ‘beleggingswaarde’), om de reële waarde te bepalen conform IFRS 13.
ACTUALISATIE VAN DE GESCHATTE HUUROPBRENGSTEN
De investeringswaarde is de resultante van het toegepast rendement op de geschatte huurwaarde (kapitalisatiemethode of marktbenadering) gecorrigeerd met de geactualiseerde waarde (NPV) van het verschil tussen de huidige actuele huur en de geschatte huurwaarde op datum van de evaluatie, en dit voor de periode tot aan de volgende opzegmogelijkheid van de lopende huurcontracten.
DISCOUNTED CASH FLOW METHODE
De DCF methode bestaat erin de huidige waarde van de toekomstige kasstromen te bepalen. De toekomstige huurinkomsten worden ingeschat op basis van de bestaande contractuele huurprijzen en de verwachtingen van de vastgoedmarkt voor elk gebouw in de daarop volgende periodes. Daarnaast worden ook de toekomstige onderhoudskosten geschat en in rekening gebracht. De gehanteerde actualisatievoet houdt rekening met de door de markt vooropgestelde risicopremie voor het object. De bekomen waarde wordt daarnaast nog getoetst aan de markt op basis van de bepaling van de residuele grondwaarde.
RESIDUELE WAARDERING
Te renoveren gebouwen, of gebouwen die reeds onder renovatie zijn, of geplande projecten, worden geëvalueerd aan de hand van de waarde na renovatie, verminderd met het bedrag van de resterende werken, inclusief kosten, interesten, leegstand en een risicopremie.
CAPITALISED CONSTRUCTION COSTS
Kosten die kunnen worden geactiveerd zijn onder andere: Aankoopprijs, inclusief invoerrechten en niet-restitueerbare aankoopbelastingen, na aftrek van handelskortingen en -kortingen. Kosten die direct toe te rekenen zijn aan het brengen van het actief naar de locatie en toestand die nodig zijn om het te laten functioneren op de manier die door het management is beoogd. Dit omvat kosten voor terreinvoorbereiding, levering en behandeling, installatie en montage.
Conform het oordeel van de werkgroep van de Belgische Vereniging van Asset Managers ‘BEAMA’ past Nextensa NV op de investeringswaarde de volgende principes toe om de reële waarde te bepalen:
(i) Voor transacties die betrekking hebben op gebouwen in België gelegen, met een globale waarde lager dan € 2,5 miljoen, dient er rekening gehouden te worden met de registratierechten van 12% (Vlaams Gewest) of 12,5% (Brussels Hoofdstedelijk en Waals Gewest).
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
225
(ii) Voor transacties die betrekking hebben op gebouwen in België gelegen, met een globale waarde hoger of gelijk aan € 2,5 miljoen, wordt, gezien de waaier aan methodes van eigendomsoverdracht die kunnen worden gebruikt, het percentage van de geschatte transactiekosten bij een hypothetische vervreemding van de vastgoedbeleggingen, forfaitair bepaald op 2,5%. De Groep is van oordeel dat, om de reële waarde te kunnen bepalen van de onroerende goederen gelegen in het Groothertogdom Luxemburg en in Oostenrijk, met een waarde hoger dan € 2,5 miljoen, ook de forfaitaire mutatiekosten van 2,5% kunnen worden toegepast, zoals bij goederen gelegen in België.
Bij de verwerving van onroerende goederen worden de overdrachtsrechten rechtstreeks in de resultatenrekening geboekt.
Vastgoedbeleggingen worden niet langer op de balans opgenomen indien zij zijn afgestoten of indien zij permanent buiten gebruik worden gesteld en er naar verwachting geen economische voordelen worden gerealiseerd bij afstoting.
Winsten of verliezen die voortkomen uit de buitengebruikstelling of de afstoting van een vastgoedbelegging, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening in het jaar waarin dit plaatsvindt.
VASTGOEDCERTIFICATEN
De waardering van de vastgoedcertificaten hangt af van het feit of er al dan niet een aanmerkelijk belang is in de uitgegeven certificaten:
A. Bezit van geen aanmerkelijk belang in de uitgegeven certificaten (zijnde minder dan 50%)
Indien de houder van de certificaten geen aanmerkelijk belang (minder dan 50%) bezit van een vastgoedcertificaat, worden de certificaten op afsluitdatum geboekt aan de gewogen gemiddelde beurskoers van de laatste 30 dagen, onder de rubriek Financiële Vaste Activa. Bij niet notering, of wanneer de beurskoers van deze vastgoedcertificaten zoals die blijkt uit de koerstabellen, niet als een betrouwbare referentie kan beschouwd worden, gezien de beperkte liquiditeit van dit vastgoedcertificaat, worden de certificaten op afsluitdatum geboekt onder de rubriek Financiële Vaste Activa, aan de historische uitgifteprijs, verminderd met eventuele terugbetalingen.
B. Bezit van een aanmerkelijk belang (meer dan 50%) in de uitgegeven certificaten
Bij niet notering, of wanneer de beurskoers van deze vastgoedcertificaten zoals die blijkt uit de koerstabellen, niet als een betrouwbare referentie kan beschouwd worden, gezien de beperkte liquiditeit van dit vastgoedcertificaat, wenst Nextensa NV bij elke afsluiting van haar rekeningen de waarde van haar certificaten te herwaarderen in functie van:
a) de reële waarde van de onroerende goederen waarvan de emittent eigenaar is, en dit naar analogie met de waardering van haar eigen vastgoed; dit gebeurt op basis van een periodieke schatting door haar vastgoeddeskundige. Indien één of meerdere gebouwen door de emittent van het vastgoedcertificaat verkocht worden, zal tot op het ogenblik van de uitkering van de verkoopopbrengst, de verkoopprijs als waardering weerhouden worden;
b) de contractuele rechten van de houder van het vastgoedcertificaat volgens het prospectus dat uitgegeven werd bij de emissie van het vastgoed-certificaat.
Alhoewel Nextensa NV juridisch gezien geen eigenaar is van dit vastgoed, beschouwt zij zich als de economische begunstigde, en dit pro rata haar contractuele rechten als eigenaar van vastgoedcertificaten. Rekening houdend met deze overwegingen worden de certificaten geboekt onder de vastgoedbeleggingen aan hun aanschaffingswaarde, met inbegrip van de bijkomende kosten.
Winsten of verliezen die voortvloeien uit de variatie in de reële waarde van een vastgoedbelegging worden opgenomen in de winst- en verliesrekening in de periode waarin ze ontstaan en worden bij de winstverdeling toegewezen aan de onbeschikbare reserves.# De verwerking van de coupon wordt eveneens ingegeven door het feit of er al dan niet een aanmerkelijk belang is in de uitgegeven certificaten:
A. Bezit van geen aanmerkelijk belang in de uitgegeven certificaten (zijnde minder dan 50%)
De ontvangen vergoeding omvat een deel kapitaalaflossing en een deel rente vergoeding; deze laatste wordt voorgesteld onder het financieel resultaat op het ogenblik waarop er zekerheid bestaat dat er een vergoeding wordt uitgekeerd, en dat deze bijgevolg opeisbaar is.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 226
B. Bezit van een aanmerkelijk belang (meer dan 50%) in de uitgegeven certificaten
Als houder van de vastgoedcertificaten heeft Nextensa NV, pro rata van de vastgoedcertificaten in haar bezit, een contractueel recht op een gedeelte van het exploitatiesaldo dat de emittent realiseert door de ontvangst van de huren en de betaling van de werkings- en onderhoudskosten. Vermits de volledige waardevermindering of waarde-verhoging verwerkt wordt via de herschatting van de waarde van het vastgoedcertificaat, dient er geen gedeelte van de coupon m.b.t. het exploitatiesaldo beschouwd te worden als een vergoeding voor de waardevermindering van de gebouwen van de emittent. Bijgevolg wordt de volledige coupon (pro rata) behandeld als netto huurinkomsten, en als bedrijfsopbrengst verwerkt in de omzet. Wanneer een bepaald pand uit de portefeuille van de emittent verkocht wordt, wordt dit als volgt verwerkt: de netto-opbrengst, na afhouding van de eventueel verschuldigde roerende voorheffing, wordt slechts als gerealiseerde meerwaarde geboekt bij Nextensa NV ten belope van het verschil tussen de boekwaarde van het vastgoedcertificaat op afsluitdatum vermeerderd met de netto liquidatiecoupon en de boekwaarde op de vorige afsluitdatum.
UITGEVOERDE WERKEN IN DE GEBOUWEN
De werken aan gebouwen in exploitatie, die ten laste zijn van de eigenaar, worden boekhoudkundig, naargelang hun aard, op twee verschillende manieren behandeld:
De uitgaven betreffende onderhouds- en herstellingswerken die geen bijkomende functies toevoegen, noch het comfortniveau van het gebouw verhogen, worden als kosten uit de gewone bedrijfsoefening van het boekjaar geboekt, en komen dus in mindering van het operationele resultaat. Daarentegen worden de lasten verbonden aan renovatiewerken en verbouwingen aan gebouwen in exploitatie die wel een functie aan het gebouw toevoegen of die het comfortniveau beduidend verhogen zodat ze een verhoging van de huurprijs en bijgevolg van de geschatte huurwaarde mogelijk maken, geactiveerd en bijgevolg opgenomen in de boekwaarde van het betrokken actief in zoverre de onafhankelijke schatter een dienovereenkomstige stijging van de waarde van het gebouw erkent.
Betreffende de herontwikkelingen van beleggingsvastgoed worden alle kosten die rechtstreeks verband houden met de ontwikkeling van het gebouw, inclusief de bijkomende kosten zoals registratierechten en niet aftrekbare BTW, geactiveerd. Interesten op leningen die werden aangegaan ter financiering van het project worden geactiveerd voor zover ze betrekking hebben op de periode die de gebruiksklaarheid van het materieel vast actief voorafgaat.
G. VOORRADEN
Terreinen en gebouwen verworven en aangehouden voor toekomstige ontwikkeling, evenals ontwikkelingsprojecten in uitvoering (andere dan Vastgoedbeleggingen) worden geclassificeerd als Voorraden. De voorraden bestaan hoofdzakelijk uit residentieel vastgoed. De voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of, indien lager, tegen netto-opbrengstwaarde op de datum van financiële verslaggeving. De kosten van ontwikkelingsprojecten in uitvoering omvatten het architectonisch ontwerp, ingenieursstudies, grondstoffen, andere productiematerialen, directe loonkosten, andere directe en externe financieringskosten die rechtstreeks toerekenbaar zijn aan de verwerving of bouw van de in aanmerking komende voorraden. De netto realiseerbare waarde is de geschatte verkoopprijs in het kader van de normale bedrijfsvoering, verminderd met de geschatte kosten van voltooiing en de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren. Een waardevermindering is nodig wanneer de opbrengstwaarde op de verslagdatum lager is dan de boekwaarde. De Groep evalueert regelmatig de netto realiseerbare waarde van zijn voorraden.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 227
H. ACTIVA BESTEMD VOOR VERKOOP
De activa bestemd voor verkoop (vastgoedbeleggingen) worden in de balans afzonderlijk voorgesteld aan een waarde die overeenstemt met de reële waarde. IFRS 5 – Vaste activa aangehouden voor verkoop is enkel van toepassing voor de presentatie van vastgoed aangehouden voor verkoop. IAS 40 blijft van toepassing voor de waardering zoals voor de andere vastgoedbeleggingen (aan reële waarde).
Activa en groepen activa die worden afgestoten, worden geclassificeerd als aangehouden voor verkoop indien hun boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkooptransactie en niet door het voortgezette gebruik ervan. Deze voorwaarde wordt alleen geacht te zijn vervuld als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) in zijn huidige staat onmiddellijk beschikbaar is voor verkoop onder voorwaarden die gebruikelijk zijn voor de verkoop van dergelijke activa (of groepen activa die worden afgestoten) en als de verkoop zeer waarschijnlijk is. Het management moet zich verbonden hebben tot de verkoop, die naar verwachting in aanmerking komt voor opname als een voltooide verkoop binnen één jaar na de datum van classificatie.
Wanneer de Groep zich heeft verbonden tot een plan tot verkoop waarbij de zeggenschap over een dochteronderneming ten einde komt, worden alle activa en verplichtingen van die dochteronderneming geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer aan de hierboven beschreven criteria is voldaan, ongeacht of de Groep na de verkoop een minderheidsbelang in haar voormalige dochteronderneming zal behouden.
Wanneer de Groep zich heeft verbonden tot een verkoopplan dat de verkoop van een deelneming, of een deel van een deelneming, in een geassocieerde deelneming of joint venture inhoudt, wordt de deelneming, of het deel van de deelneming dat zal worden verkocht, geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer aan de hierboven beschreven criteria is voldaan, en staakt de Groep de toepassing van de vermogensmutatiemethode met betrekking tot het deel dat geclassificeerd is als aangehouden voor verkoop. Elk aangehouden deel van een investering in een geassocieerde deelneming of een joint venture dat niet is geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, blijft administratief worden verwerkt volgens de “equity”-methode. De Groep past de vermogensmutatiemethode niet langer toe op het moment van verkoop wanneer de verkoop tot gevolg heeft dat de Groep de significante invloed verliest op de geassocieerde deelneming of joint venture.
Na de verkoop verwerkt de Groep elk behouden belang in de geassocieerde deelneming of joint venture in overeenstemming met IFRS 9, tenzij het behouden belang een geassocieerde deelneming of een joint venture blijft, in welk geval de Groep de vermogensmutatiemethode toepast (zie de grondslagen voor financiële verslaggeving betreffende investeringen in geassocieerde deelnemingen of joint ventures hierboven).
Vaste activa (en groepen activa die worden verkocht), geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten.
I. BIJZONDERE WAARDE-VERMINDERINGEN VAN VASTE ACTIVA (EXC. VASTGOEDBELEGGINGEN)
Nextensa NV beoordeelt per verslagdatum of er aanwijzingen zijn dat een actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn; indien een dergelijke indicatie aanwezig is, wordt een inschatting gemaakt van de realiseerbare waarde van het actief. Wanneer de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde wordt er een bijzondere waardevermindering geboekt om de boekwaarde van het actief terug te brengen tot de realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde van een actief wordt gedefinieerd als de hoogste waarde van de reële waarde min verkoopkosten (uitgaande van een niet gedwongen verkoop) of de gebruikswaarde (op basis van de actuele waarde van de geschatte toekomstige cash flows); de daaruit voortvloeiende bijzondere waardeverminderingen worden ten laste van de resultatenrekening geboekt.
De bedrijfswaarde is de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen. Om de bedrijfswaarde te bepalen worden de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tegen een rentevoet vóór belastingen, die zowel de actuele marktrente, als de specifieke risico’s met betrekking tot het actief weergeeft. Voor activa die zelf geen kasstromen genereren wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroom genererende eenheid waartoe die activa behoren.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 228
Eerder geboekte bijzondere waardeverminderingen, behoudens op goodwill en voor verkoop beschikbare aandelen, worden via de resultatenrekening terug-genomen indien er een wijziging is opgetreden in de schatting die wordt gebruikt voor de bepaling van de realiseerbare waarde van het actief sinds de opname van het laatste bijzondere waardeverminderingsverlies. Eerder geboekte waardeverminderingen op goodwill kunnen niet teruggenomen worden; eerder geboekte waardevermindering op voor verkoop beschikbare aandelen kunnen, afhankelijk van het soort instrument, worden teruggenomen via het eigen vermogen of resultatenrekening.
J.# FINANCIËLE ACTIVA EN PASSIVA
FINANCIËLE ACTIVA EN PASSIVA GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE MET VERWERKING VAN DE WAARDEVERANDERINGEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING
Transactiekosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de verwerving of uitgifte van financiële activa en financiële verplichtingen (anders dan financiële activa en financiële verplichtingen tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening) worden bij eerste opname opgeteld bij of afgetrokken van de reële waarde van de financiële activa of financiële verplichtingen, al naargelang het geval. Transactiekosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de verwerving van financiële activa of financiële verplichtingen tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening, worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. De reële waarde schommelingen van de financiële activa en passiva gewaardeerd aan reële waarde via resultaat, worden in de resultatenrekening verwerkt, tenzij ze werden onderbouwd door een ‘hedge accounting’ documentatie (zie L).
VOOR VERKOOP BESCHIKBARE FINANCIËLE ACTIVA
Voor verkoop beschikbare aandelen en effecten worden gewaardeerd aan reële waarde. De reële waarde schommelingen worden in het eigen vermogen verwerkt, tot bij de verkoop of bijzondere waardevermindering, waarbij de gecumuleerde herwaardering in de resultatenrekening wordt opgenomen. Wanneer een daling van de reële waarde van een voor verkoop beschikbaar financieel actief in het eigen vermogen wordt erkend, en er een objectieve duiding van een bijzondere waardevermindering aanwezig is, dan worden de cumulatieve verliezen die voorheen rechtstreeks in het eigen vermogen werden gerapporteerd, in de resultatenrekening verwerkt.
FINANCIËLE ACTIVA AANGEHOUDEN TOT EINDE LOOPTIJD
Financiële activa aangehouden tot einde looptijd worden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs.
RENTEDRAGENDE SCHULDEN EN VORDERINGEN
Rentedragende schulden worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs met behulp van de effectieve rentemethode waarbij het verschil tussen de aanschaffingsprijs en de terugbetalingswaarde pro rata temporis in de resultatenrekening wordt opgenomen op basis van de effectieve rentevoet. Langlopende vorderingen worden gewaardeerd op basis van hun verdisconteerde waarde volgens de geldende marktrentevoet op het tijdstip van hun uitgifte.
HANDELSSCHULDEN EN -VORDERINGEN / OVERIGE SCHULDEN EN -VORDERINGEN
Deze rekeningen worden gewaardeerd aan nominale waarde, verminderd met eventuele waardeverminderingen voor oninbare vorderingen.
KAS EN KASEQUIVALENTEN
Kas en kasequivalenten, bestaande uit contanten en kortlopende beleggingen (< 3 maanden), worden in de balans opgenomen tegen nominale waarde.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
229
K. AFGELEIDE FINANCIËLE INSTRUMENTEN
Nextensa NV maakt gebruik van financiële instrumenten voor het beheer van het rente- en wisselrisico dat voortvloeit uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten. Afgeleide financiële instrumenten worden initieel aan hun kostprijs erkend en worden geherwaardeerd aan hun reële waarde op de daaropvolgende rapporteringsdatum. Veranderingen in de reële waarde van afgeleide financiële instrumenten die formeel niet toegewezen zijn als indekkingsinstrument of die niet in aanmerking komen voor hedge accounting of die reële waarde afdekkingen zijn, worden opgenomen in de resultatenrekening. IFRS 13 vermeldt een element in de waardering, namelijk de verplichting om het eigen kredietrisico én dat van de tegenpartij te verwerken in de berekening. De correctie op de fair value als gevolg van het toepassen van kredietrisico op de tegenpartij wordt Credit Valuation Adjustment (CVA) genoemd. Het kwantificeren van het eigen kredietrisico wordt Debit Valuation Adjustment of DVA genoemd.
KASSTROOM-INDEKKINGEN (CASH-FLOW HEDGE)
Het effectieve deel van de winsten of verliezen uit de reële waardeveranderingen van afgeleide financiële instrumenten (payer interest rate swaps) die als indekkingsinstrument specifiek toegewezen werden ter indekking van de variabiliteit van de kasstromen van een in de balans opgenomen actief of verplichting of een verwachte transactie, wordt opgenomen in het eigen vermogen. Het niet-effectieve deel wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen. De reële waarde van de ‘swap’-rentevoeten is de geschatte waarde die de vennootschap zou ontvangen of betalen bij uitoefening van de swap op de balansdatum, rekening houdend met de actuele rentevoeten en de verwachte rentevoeten en de solvabiliteit van de tegenpartij van de swap. Op het moment dat de verwachte transactie wordt verricht, wordt de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies op het indekkingsinstrument uit het eigen vermogen overgebracht naar de resultatenrekening. Cumulatieve winsten of verliezen met betrekking tot reeds afgelopen financiële instrumenten, blijven verwerkt als onderdeel van het eigen vermogen, zolang het waarschijnlijk is dat de ingedekte relatie zich zal voordoen. Dergelijke transacties worden verwerkt zoals beschreven in de voorgaande alinea. Indien de ingedekte transactie niet langer waarschijnlijk blijkt, worden alle gecumuleerde niet-gerealiseerde winsten of verliezen op dat moment overgedragen van het eigen vermogen naar de resultatenrekening.
REËLE WAARDE-AFDEKKING
Voor ieder afgeleid financieel instrument dat de mogelijke veranderingen in de reële waarde van een opgenomen vordering of schuld afdekt, wordt de winst of het verlies uit herwaardering van het afdekkinginstrument in de winst- en-verliesrekening opgenomen. Ook de waarde van het afgedekte element wordt gewaardeerd tegen de reële waarde die toe te rekenen is aan het afgedekte risico. De ermee verbonden winst of verlies wordt opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De reële waarde van de afgedekte elementen in verband met het afgedekte risico, is de boekwaarde op de balansdatum, omgerekend in euro tegen de wisselkoers die geldt op de balansdatum.
L. KAPITAAL EN RESERVES
AANDELEN
De kosten die verband houden met een kapitaaltransactie, of met de uitgifte van nieuwe aandelen, worden in mindering van het kapitaal gebracht.
INKOOP EIGEN AANDELEN
Ingekochte eigen aandelen worden aan aanschaffingsprijs in mindering van het eigen vermogen geboekt. Een latere verkoop of vernietiging geeft geen aanleiding tot een resultaatsimpact; winsten en verliezen met betrekking tot eigen aandelen worden rechtstreeks in het eigen vermogen geboekt.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
230
DIVIDENDEN
Dividenden worden erkend als schuld wanneer ze goedgekeurd werden door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.
M. VOORZIENINGEN
Indien Nextensa NV of een dochteronderneming een (wettelijke of indirecte) verplichting heeft ten gevolge van een gebeurtenis uit het verleden en indien het waarschijnlijk is dat de afwikkeling van deze verplichting zal gepaard gaan met een uitgave en dat het bedrag van deze verplichting tevens op betrouwbare wijze kan bepaald worden, dan wordt er op balansdatum een voorziening aangelegd. Indien het verschil tussen de nominale en verdisconteerde waarde materieel is, dan wordt er een voorziening geboekt ten belope van de verdisconteerde waarde van de geschatte uitgaven op basis van een disconteringsvoet, waarbij rekening wordt gehouden met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van het geld en de risico’s die inherent zijn aan de verplichting. Indien Nextensa NV verwacht dat (een deel van) de voorziening wordt vergoed, bijvoorbeeld op basis van een verzekeringscontract, dan wordt de vergoeding alleen opgenomen als een afzonderlijk actief indien het vrijwel zeker is dat de vergoeding wordt uitbetaald. De last die met een voorziening samenhangt wordt opgenomen in de resultatenrekening na aftrek van een eventuele vergoeding.
N. Belastingen
VENNOOTSCHAPSBELASTING
De belastingen op het resultaat van het boekjaar omvatten de verschuldigde en verrekenbare belastingen en de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de resultatenrekening geboekt en in de balans onder de verplichtingen, behalve wanneer het bestanddelen betreft die deel uitmaken van het eigen vermogen en bijgevolg toegewezen dienen te worden aan het eigen vermogen. Het belastingbedrag voor de verschuldigde belastingen wordt berekend op basis van de bij wet vastgestelde belastingtarieven en de geldende belastingwetgeving. Uitgestelde belastingen worden berekend volgens de balansmethode, toegepast op tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde van de in de balans opgenomen activa en passiva en hun fiscale waarde. Uitgestelde belastingen worden verwerkt op basis van de verwachte belastingtarieven. Uitgestelde belastingverplichtingen worden erkend voor alle belastbare tijdelijke verschillen: behalve wanneer de uitgestelde belastingverplichting voortvloeit uit de oorspronkelijke erkenning van goodwill of de initiële boeking van activa en passiva in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en die op het moment van de transactie geen invloed had op de boekhoudkundige of belastbare winst; behalve met betrekking tot investeringen in dochterondernemingen, gemeenschappelijke en geassocieerde ondernemingen, waar de Groep in staat is om de datum waarop het tijdelijk verschil zal weggewerkt worden te controleren en de Groep niet verwacht dat het tijdelijk verschil in de voorzienbare toekomst zal weggewerkt worden. Uitgestelde belastingvorderingen worden geboekt voor de aftrekbare tijdelijke verschillen en op overgedragen recupereerbare belastingkredieten en fiscale verliezen, in de mate dat het waarschijnlijk is dat er in de nabije toekomst belastbare winsten zijn om van het belastingvoordeel te kunnen genieten.De boekwaarde van de uitgestelde belastingvorderingen wordt op elke balansdatum nagezien en verminderd in de mate dat het niet langer waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst beschikbaar zal zijn om alle of een gedeelte van de uitgestelde belastingen te kunnen verrekenen. Uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingen worden bepaald op basis van aanslagvoeten die verwacht worden van toepassing te zullen zijn in de jaren dat deze tijdelijke verschillen zullen gerealiseerd of afgerekend worden, gebaseerd op belastingpercentages die bekrachtigd of bevestigd zijn op de balansdatum.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
231
O. BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN
De activa, passiva en nettoresultaten van beëindigde bedrijfsactiviteiten worden afzonderlijk in één rubriek gerapporteerd in de geconsolideerde balans en resultatenrekening; dezelfde rapportering geldt voor activa en passiva bestemd voor verkoop.
P. GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM
Er kunnen zich na balansdatum gebeurtenissen voordoen die bijkomende informatie geven over de financiële situatie van de onderneming op balansdatum (adjusting events). Deze informatie laat toe om schattingen te verbeteren en om een betere weerspiegeling te geven van de werkelijke toestand op balansdatum. Deze gebeurtenissen vereisen een aanpassing van de balans en van het resultaat. Andere gebeurtenissen na balansdatum worden in de toelichting vermeld indien ze een belangrijke impact kunnen hebben.
Q. WINST PER AANDEEL
De Groep berekent zowel de basis als de verwaterde winst per aandeel in overeenstemming met IAS 33. De basiswinst per aandeel wordt berekend op basis van het gewogen gemiddelde van het aantal uitstaande aandelen tijdens de periode. Voor de berekening van de verwaterde winst per aandeel wordt de winst of het verlies dat kan worden toegerekend aan de houders van gewone aandelen en het gewogen gemiddeld van het aantal uitstaande aandelen gecorrigeerd voor de effecten van alle potentiële gewone aandelen die tot verwatering zullen leiden.
R. OPBRENGSTEN
De Groep erkent opbrengsten uit de volgende belangrijke bronnen:
* Opbrengsten uit het bruto huurinkomen
* Opbrengsten uit vastgoeddiensten
* Opbrengsten uit de verkoop van grond
* Opbrengsten uit ontwikkeling
* Opbrengsten uit managementvergoedingen
Opbrengsten worden gewaardeerd op basis van de vergoeding die is gespecificeerd in een contract met een klant en omvatten geen bedragen die voor rekening van derden zijn geïnd. De Groep neemt opbrengsten op wanneer zij de zeggenschap over een product of een dienst overdraagt aan een klant. Opbrengsten worden erkend wanneer (of naarmate) de entiteit een prestatieverplichting vervult door de beloofde goederen of diensten aan de klant over te dragen, het welke voor vastgoeddiensten gebeurd over tijd.
OPBRENGSTEN UIT HET BRUTO HUURINKOMEN
De huuropbrengsten omvatten het bruto huurinkomen. Kosten van gratuïteiten en voordelen verleend aan de huurders worden erkend in mindering van de huurinkomsten (via de rubriek ‘huurkortingen’) over de looptijd van het huurcontract, die gedefinieerd wordt als de periode tussen de inwerkingtreding en de eerste opzeggingsmogelijkheid.
OPBRENGSTEN VAN DE VASTGOEDDIENSTEN
De Groep verleent vastgoeddiensten aan derden. Opbrengsten worden verantwoord naarmate de diensten worden verleend. De transactieprijs is een vaste vergoeding per jaar.
OPBRENGSTEN UIT DE VERKOOP VAN TERREINEN
De Groep verkoopt percelen en de opbrengsten worden opgenomen wanneer de controle over het terrein is overgedragen, d.w.z. op het moment dat de notariële akte is ondertekend. De betaling van de transactie is onmiddellijk opeisbaar bij de ondertekening van de akte.
OPBRENGSTEN UIT ONTWIKKELING
De Groep bouwt en verkoopt woningen op basis van langetermijncontracten met klanten tegen een vaste prijs. Dergelijke contracten worden aangegaan in het vroege stadium van de bouw van de woningen. Volgens de bepalingen van de contracten is het de Groep contractueel verboden de eigendommen door te geven aan een andere klant en heeft de Groep een afdwingbaar recht op betaling voor het verrichte werk. Opbrengsten uit de bouw van woningen worden derhalve in de tijd opgenomen volgens de kostprijsmethode, d.w.z. op basis van de verhouding
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
232
van de gemaakte contractkosten voor de tot op heden verrichte prestaties ten opzichte van de geraamde totale contractkosten. De Groep is van mening dat deze inputmethode een gepaste maatstaf is voor de vooruitgang naar de volledige nakoming van deze prestatieverplichtingen onder IFRS 15. De Groep wordt gerechtigd om klanten te factureren voor de bouw van residentiële gebouwen op basis van het bereiken van een reeks prestatiegerelateerde mijlpalen. Wanneer een bepaalde mijlpaal is bereikt, wordt de klant een factuur gestuurd voor de mijlpaalbetaling, gebaseerd op een relevante werkstaat opgesteld door een derde partij. De Groep zal eerder een actief uit hoofde van onderhanden projecten hebben opgenomen voor alle verrichte werkzaamheden. Elk bedrag dat voorheen werd opgenomen als activa uit hoofde van onderhanden projecten in opdracht van derden wordt geherclassificeerd naar handelsvorderingen op het moment dat het aan de klant wordt gefactureerd. Indien de mijlpaalbetaling hoger is dan de tot dan toe volgens de kostprijsmethode opgenomen opbrengsten, dan neemt de Groep voor het verschil een contractuele verplichting op. Dit wordt niet beschouwd als een belangrijke financieringscomponent in bouwcontracten met klanten aangezien de periode tussen de erkenning van de opbrengsten volgens de kostprijs- methode en de mijlpaalbetaling altijd minder dan één jaar bedraagt.
OPBRENGSTEN UIT MANAGEMENTVERGOEDINGEN
De Groep verleent beheersdiensten aan haar geassocieerde deelnemingen en joint ventures. Opbrengsten worden in de tijd opgenomen naarmate de diensten worden verleend. De transactieprijs is een vaste vergoeding per jaar.
S. FINANCIEEL RESULTAAT
FINANCIËLE INKOMSTEN
Financiële inkomsten omvatten te ontvangen rente op beleggingen, dividenden, wisselkoersopbrengsten en opbrengsten met betrekking tot afdekkingsinstrumenten die opgenomen worden in de winst-en-verliesrekening (exclusief de reële waarde aanpassingen). Intresten en dividenden die hun oorsprong vinden in het gebruik dat derden maken van de middelen van de onderneming, worden slechts opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de economische voordelen verbonden aan de transactie zullen terugvloeien naar de onderneming en wanneer de opbrengsten betrouwbaar kunnen worden geschat. Renteopbrengsten worden opgenomen wanneer ze zijn geïnd (rekening houdend met de verstreken tijd en met het effectieve rendement van het actief), tenzij er twijfel bestaat over de inning. Dividenden worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen op de datum van betaling of toekenning.
NETTO FINANCIERINGSKOSTEN
Volgens de effectieve rente-methode, alsook de netto verschuldigde interest op indekkingsproducten die worden geboekt in de resultatenrekening (exclusief de reële waarde aanpassingen). Rente-inkomsten worden pro rata temporis opgenomen in de resultatenrekening, rekening houdend met het effectieve rendement van het actief. Financieringskosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de verwerving, bouw of productie van in aanmerking komende activa, dat wil zeggen activa die noodzakelijkerwijs pas na een aanzienlijke tijdsperiode klaar zijn voor hun beoogde gebruik of verkoop, worden bij de kosten van die activa opgeteld, tot het tijdstip waarop de activa in wezen klaar zijn voor hun beoogde gebruik of verkoop. Beleggingsinkomsten uit de tijdelijke belegging van specifieke leningen in afwachting van hun besteding aan in aanmerking komende activa, worden in mindering gebracht op de financieringskosten die voor activering in aanmerking komen. Alle andere financieringskosten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin zij worden gemaakt.
ANDERE FINANCIËLE KOSTEN
De andere financiële kosten omvatten voornamelijk de verschuldigde reserveringsvergoedingen op niet opgenomen geconfirmeerde kredietlijnen.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
233
T. SEGMENT-RAPPORTERING
De gesegmenteerde informatie is voorgesteld rekening houdend met de operationele segmenten en de informatie die intern gebruikt wordt om beslissingen te nemen. De “chief operating decision makers” (hooggeplaatste functionarissen) zijn de leden van het executief comité van de vennootschap. De operationele segmenten zijn als zodanig bepaald dat zij op langere termijn blijk gegeven wordt van soortgelijke financiële prestaties en die vergelijkbare economische kenmerken vertonen op basis van de geschatte huurwaarde, het investeringspotentieel en de restwaarde. De gesegmenteerde informatie omvat de resultaten, activa en passiva die ofwel rechtstreeks, ofwel op een redelijke basis aan een bepaald segment kunnen worden toegewezen. Nextensa NV is uit drie operationele segmenten samengesteld, namelijk investering, ontwikkeling en corporate. Die segmenten zijn in subsegmenten verdeeld, namelijk België, het Groothertogdom Luxemburg en Oostenrijk voor het investering segment, en België, Luxemburg en andere voor het ontwikkeling segment. De categorie “corporate” omvat alle niet-toegewezen vaste kosten die op groepsniveau worden gedragen, alsook de financieringskosten. Met het oog op een maximale transparantie worden de Oostenrijkse resultaten afzonderlijk gerapporteerd in de hierna vermelde gesegmenteerde informatie.
U. LEASING
DE GROEP ALS LEASINGGEVER
De Groep gaat lease-overeenkomsten aan als leasinggever met betrekking tot sommige van haar vastgoedbeleggingen.# BIJLAGE 3 GESEGMENTEERDE INFORMATIE
3.1 Segmentinformatie - geografisch
3.1.1 Geconsolideerde staat van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten (in 1.000 €)
| België | Luxemburg | Oostenrijk | Corporate | TOTAAL | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
| Netto huuropbrengsten vastgoedbeleggingen | 30.498 | 31.103 | 29.929 | 28.737 | 11.752 | 10.683 | 72.179 | 70.522 | ||
| Vastgoedkosten | -6.196 | -7.995 | -4.525 | -4.206 | -999 | -989 | -11.720 | -13.189 | ||
| Resultaat verkoop vastgoedbeleggingen | 1.917 | 2.074 | 1.583 | 0 | 3.500 | 2.074 | ||||
| Variaties in reële waarde vastgoedbeleggingen | -11.851 | -1.697 | -35.251 | -8.107 | -3.684 | -1.398 | -50.786 | -11.202 | ||
| Overige kosten/opbrengsten vastgoedportefeuille | 507 | 945 | -26 | 0 | -114 | -167 | 367 | 778 | ||
| OPERATIONEEL RESULTAAT VAN VASTGOEDBELEGGINGEN | 14.876 | 24.429 | -8.291 | 16.424 | 6.955 | 8.129 | 13.540 | 48.982 | ||
| OPERATIONEEL RESULTAAT VAN ONTWIKKELINGSPROJECTEN | 10.021 | 8.812 | 4.648 | 9.324 | 14.669 | 18.136 | ||||
| (-) Algemene kosten van de vennootschap | -10.525 | -9.933 | -526 | -1.030 | -365 | -293 | -11.416 | -11.255 | ||
| (+/-) Andere operationele kosten en opbrengsten | 2.441 | 3.248 | -2.858 | -3.137 | -844 | -783 | -1.261 | -672 | ||
| OPERATIONEEL RESULTAAT | 16.813 | 26.556 | -7.026 | 21.582 | 5.746 | 7.053 | 15.532 | 55.191 | ||
| (+) Financiële inkomsten | 14.021 | 11.080 | 14.021 | 11.080 | ||||||
| (-) Financiële kosten | -27.687 | -23.503 | -27.687 | -23.503 | ||||||
| (-) Andere financiële kosten | -857 | -1.749 | -857 | -1.749 | ||||||
| (+/-) Variaties in de reële waarde van financiële activa en passiva | -12.524 | -7.286 | -12.524 | -7.286 | ||||||
| FINANCIEEL RESULTAAT | -27.047 | -21.458 | -27.047 | -21.458 | ||||||
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN | 16.813 | 26.556 | -7.026 | 21.582 | 5.746 | 7.053 | -27.047 | -21.458 | -11.515 | 33.733 |
| (+/-) Latente belastingen | 11.751 | 5.771 | 11.751 | 5.771 | ||||||
| (+/-) Vennootschapsbelasting | -11.381 | -15.300 | -11.381 | -15.300 | ||||||
| BELASTINGEN | 371 | -9.529 | 371 | -9.529 | ||||||
| NETTO RESULTAAT | 16.813 | 26.556 | -7.026 | 21.582 | 5.746 | 7.053 | -26.676 | -30.987 | -11.144 | 24.204 |
| Minderheidsbelangen | -317 | -288 | ||||||||
| NETTO RESULTAAT (deel van de groep) | -10.827 | 24.492 |
3.1.2 Geconsolideerde balans (geografische segmentering) (in 1.000 €)
| België | Luxemburg | Oostenrijk | Corporate | TOTAAL | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
| ACTIVA | ||||||||||
| Immateriële vaste activa | 378 | 624 | 378 | 624 | ||||||
| Vastgoedbeleggingen (incl. herontwikkelingen van beleggingsvastgoed, excl. financiële leasing) | 513.097 | 549.242 | 347.886 | 548.676 | 188.342 | 190.926 | 1.049.325 | 1.288.844 | ||
| Deelneming Retail Estates | 80.133 | 87.296 | 80.133 | 87.296 | ||||||
| Deelnemingen in geassocieerde vennootschappen en joint ventures | -4.970 | -6.707 | 87.394 | 76.413 | 82.424 | 69.706 | ||||
| Activa bestemd voor verkoop | 165.750 | 9.230 | 165.750 | 9.230 | ||||||
| Voorraden | 108.924 | 101.780 | -23 | 298 | 108.901 | 102.079 | ||||
| Onderhanden werken in uitvoering | 60.891 | 61.612 | 13.506 | 60.891 | 75.118 | |||||
| Overige activa | 300.742 | 240.548 | -147.356 | -89.795 | -1.264 | -2.359 | 152.121 | 148.394 | ||
| ACTIVA PER SEGMENT | 1.058.818 | 1.033.771 | 453.650 | 558.329 | 187.077 | 188.567 | 378 | 624 | 1.699.924 | 1.781.289 |
| VERPLICHTINGEN | ||||||||||
| Langlopende financiële schulden | 433.310 | 562.159 | 433.310 | 562.159 | ||||||
| Kortlopende financiële schulden | 339.548 | 235.790 | 339.548 | 235.790 | ||||||
| Overige verplichtingen | 114.927 | 138.824 | 114.927 | 138.824 | ||||||
| VERPLICHTINGEN PER SEGMENT | 887.785 | 936.773 | 887.785 | 936.773 | ||||||
| EIGEN VERMOGEN | 812.139 | 844.516 |
OVERIGE SEGMENTINFORMATIE - VASTGOEDBELEGGINGEN
De overige segmentinformatie bevat enkel informatie gerelateerd aan de vastgoedbeleggingen. Voor verdere informatie over de ontwikkelingsprojecten verwijzen we naar toelichting 8 ‘operationeel resultaat ontwikkelingsprojecten’. De vastgoedbeleggingen omvatten zowel het vastgoed beschikbaar voor verhuur, als de herontwikkelingen van beleggingsvastgoed.
(in 1.000 €)
| België | Luxemburg | Oostenrijk | TOTAAL | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
| Vastgoedbeleggingen investeringen | 9.538 | 7.312 | 2.124 | 19.423 | 1.100 | 2.744 | 12.762 | 29.479 |
| desinvesteringen | -39.958 | -43.532 | -32.067 | -72.025 | -43.532 | |||
| Vorderingen financiële leasing investeringen | 0 | 0 | 0 | 0 | ||||
| desinvesteringen | 0 | 0 | 0 | 0 | ||||
| Activa bestemd voor verkoop investeringen | 0 | 0 | 0 | 0 | ||||
| desinvesteringen | 165.750 | 9.230 | 165.750 | 9.230 | ||||
| Andere materiële vaste activa (andere) investeringen | 268 | 1.539 | 70 | 400 | 137 | 787 | 474 | 2.726 |
| desinvesteringen | -186 | 0 | -186 | |||||
| afschrijvingen | -800 | -950 | -101 | -41 | -135 | -101 | -1.035 | -749 |
| Netto boekwaarde eind boekjaar | 516.886 | 554.928 | 513.980 | 558.477 | 191.705 | 193.365 | 1.222.572 | 1.306.770 |
De investeringen en desinvesteringen in vastgoedbeleggingen, de activa bestemd voor verkoop en de andere materiële activa worden toegelicht in respectievelijk bijlage 15, 17 en 21.# Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen 238
3.1.3 Voornaamste kerncijfers
De reële waarde en de investeringswaarde van de vastgoedportefeuille omvatten zowel de gebouwen in exploitatie, zijnde de gebouwen beschikbaar voor verhuur en de vaste activa bestemd voor verkoop als de herontwikkeling van beleggingsvastgoed. Voor de berekening van de andere kerncijfers (het rendement, de totale verhuurbare oppervlakte, de bezettingsgraad en de gewogen gemiddelde looptijd) komen enkel de gebouwen in exploitatie in aanmerking, exclusief de herontwikkelingen van beleggingsvastgoed en de activa bestemd voor verkoop. De rendementen betreffen bruto rendementen.
(in 1.000 €)
| België | Luxemburg | Oostenrijk | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
| Reële waarde van de vastgoedportefeuille (1) | 512.039 | 538.840 | 346.686 | 546.342 |
| Investeringswaarde van de vastgoedportefeuille | 524.960 | 552.708 | 355.380 | 555.701 |
| Bruto rendement (in reële waarde) van het segment (2) | 5,56% | 5,64% | 7,30% | 5,75% |
| Bruto rendement (in investeringswaarde) van het segment (2) | 5,42% | 5,50% | 7,13% | 5,65% |
| Totaal verhuurbare oppervlakte (m²) | 163.170 | 238.778 | 157.098 | 200.280 |
| Bezettingsgraad (2) | 90,00% | 90,12% | 83,94% | 89,19% |
| Gewogen gemiddelde looptijd tot eerste break (# jaren) | 4,10 | 4,13 | 4,12 | 4,17 |
(1) De reële waarde van de vastgoedportefeuille eind 2024 bestaat uit de vastgoedbeleggingen (€ 1.049.325 duizend). De reële waarde van de vastgoedportefeuille eind 2023 bestaat uit de vastgoedbeleggingen (€ 1.288.844 duizend). Vastgoedportefeuille onder leasing contracten en enkel kleinere vastgoedprojecten zijn niet inbegrepen in de vastgoedportefeuille per segment.
(2) De berekeningen van het bruto rendement (in reële waarde en in investeringswaarde) en de berekening van de bezettingsgraad houden rekening met alle gebouwen, behoudens deze opgenomen onder ‘activa bestemd voor verkoop’ en ‘projectontwikkelingen’.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 239
3.2 Segmentinformatie - kerncijfers per type gebouw - vastgoedbeleggingen
(in 1.000 €)
| Retail | KANTOREN | andere | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
| Huurinkomsten (incl. vergoeding en leasing en excl. ontvangen verbrekingsvergoeding en incentives) | 35.716 | 37.949 | 30.960 | 29.233 |
| Reële waarde van de vastgoedportefeuille | 341.796 | 576.352 | 617.898 | 566.059 |
| Investeringswaarde van de vastgoedportefeuille | 350.349 | 586.730 | 631.879 | 580.205 |
| Bezettingsgraad | 93,64% | 94,28% | 78,60% | 84,88% |
| Huurrendement (o.b.v. reële waarde) van het segment | 5,94% | 6,62% | 5,80% | 5,16% |
| Huurrendement (o.b.v. investeringswaarde) van het segment | 5,92% | 6,51% | 5,94% | 5,04% |
| Gewogen gemiddelde looptijd tot eerste break (# jaren) | 4,28 | 4,37 | 5,04 | 4,86 |
De vastgoedbeleggingen omvatten zowel de gebouwen in exploitatie en vaste activa bestemd voor verkoop als de herontwikkelingen van vastgoedbeleggingen. Voor de berekening van de bezettingsgraad en het huurrendement komen enkel de gebouwen in exploitatie in aanmerking exclusief de activa bestemd voor verkoop en de herontwikkelingen van vastgoedbeleggingen. De rendementen betreffen bruto rendementen.
Wat betreft de overige activa, andere dan de vastgoedportefeuille, is het irrelevant om de segmentering per type toe te passen. Nextensa NV is niet afhankelijk van belangrijke klanten die elk meer dan 10% van de huurinkomsten vertegenwoordigen.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 240
BIJLAGE 4 NETTO HUUROPBRENGSTEN VASTGOEDBELEGGINGEN
Netto huuropbrengsten vastgoedbeleggingen (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Huurinkomsten | 72.992 | 70.522 |
| Huur | 72.876 | 69.905 |
| Vergoedingen financiële leasing en soortgelijken | 116 | 618 |
| Met verhuur verbonden kosten | -813 | 0 |
| Waardeverminderingen op handelsvorderingen | -813 | 0 |
| NETTO HUUROPBRENGSTEN VASTGOEDBELEGGINGEN | 72.179 | 70.522 |
Nextensa NV verhuurt haar vastgoedbeleggingen op grond van gewone huurovereenkomsten. De bruto huurinkomsten bedragen € 72.992 duizend per eind 2024 in vergelijking met € 70.522 duizend per eind 2023; een bruto stijging van € 2.469 duizend. De netto stijging van € 1,7 miljoen is enerzijds te danken aan het feit dat de bezettingsgraad is toegenomen alsook aan huurverlengingen aan een hogere huur. Anderzijds werden er in de loop van 2023 en 2024 enkele gebouwen verkocht en stegen de like- for-like huurinkomsten met € 3,3 miljoen. Kosten van gratuïteiten en voordelen verleend aan de huurders worden erkend in mindering van de huurinkomsten (via de rubriek “huurkortingen”) over de looptijd van het huurcontract, die gedefinieerd wordt als de periode tussen de inwerkingtreding en de eerste opzegmogelijkheid. De huurvoordelen die nog niet werden erkend in resultaat worden in rekening (mindering) genomen in de reële waarde van de activa. Dit impliceert dat bij het ingaan van een nieuwe huurperiode (hetzij na een opzegmogelijkheid, hetzij na een nieuwe huurovereenkomst) en indien er een huurvrije periode werd toegekend, er geen huur wordt ontvangen in die periode, maar er wel huur erkend wordt via deze rubriek. Bijgevolg kent, ceteris paribus, deze rubriek een positief saldo. In het verdere verloop van de huurperiode zal de ontvangen huur echter hoger zijn dan de met de huurvrije periode gecorrigeerde huur. Deze correctie wordt in deze rubriek voorgesteld en zal bijgevolg ceteris paribus dan een negatief saldo vertonen, tenzij er in die periode terug een huurvrije periode werd toegekend die dit saldo overschrijdt.
Onderstaande tabel geeft aan hoeveel van de toekomstige huurinkomsten op jaarbasis er potentieel zou kunnen wegvallen. Indien elke huurder die een opzegmogelijkheid heeft ook effectief het gebouw zou verlaten en er geen herverhuringen meer gebeuren dan geeft deze tabel weer wat het verlies aan huurinkomsten zou zijn.
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Op minder dan één jaar | 11.817 | 13.015 |
| Tussen één jaar en twee jaar | 17.573 | 9.313 |
| Tussen twee jaar en drie jaar | 13.549 | 7.947 |
| Tussen drie jaar en vier jaar | 8.277 | 10.443 |
| Tussen vier jaar en vijf jaar | 3.693 | 13.456 |
| Op meer dan vijf jaar | 15.725 | 19.024 |
| TOTAAL | 70.634 | 73.199 |
De portefeuille van Nextensa NV omvat vooral spelers uit de private sector en in mindere mate uit de overheidssector; dit heeft voor gevolg dat er relatief meer huurcontracten zijn met kortere vaste looptijden (type 3/6/9 jaar).
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 241
BIJLAGE 5 VASTGOEDKOSTEN
Overzicht van vastgoedkosten (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Technische kosten | -1.154 | -1.390 |
| Commerciële kosten | -1.635 | -1.490 |
| Kosten en taksen van niet verhuurde goederen | -3.456 | -3.890 |
| Beheerskosten vastgoed | -4.592 | -5.763 |
| Andere vastgoedkosten | -883 | -656 |
| Huurlasten ten laste van de eigenaar | ||
| Totaal | -11.720 | -13.190 |
De vastgoedkosten zijn gedaald in vergelijking met vorig jaar voornamelijk door een hogere bezettingsgraad en de verkoop van onderhoudsintensieve gebouwen. Opdat de gebouwen zouden blijven voldoen aan de steeds hogere eisen inzake comfort, uitstraling en duurzaamheid worden er regelmatig een aantal onderhouds-en renovatiewerken uitgevoerd. De rubriek technische kosten omvat zowel de recurrente- als occasionele herstellingskosten aan de vastgoedportefeuille, naast de vergoedingen inzake totale waarborg en de verzekeringspremies die verband houden met het technisch onderhoud van de gebouwen.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 242
BIJLAGE 6 RESULTAAT VERKOOP VASTGOEDBELEGGINGEN
Resultaat verkoop vastgoedbeleggingen (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Netto-opbrengst van vastgoedbeleggingen (verkoopprijs - transactiekosten) | 72.025 | 43.336 |
| Boekwaarde van verkocht vastgoed (reële waarde) | -68.525 | -41.262 |
| Totaal | 3.500 | 2.074 |
In 2024 werd het gebouw Brixton in België verkocht en werden de gebouwen Foetz en Montimmo verkocht in Luxemburg. Dit voor een totale meerwaarde van € 3,5 miljoen. Vorig jaar werd het gebouw Treesquare verkocht en hierop werd een meerwaarde van € 2,1 miljoen gerealiseerd.
BIJLAGE 7 VARIATIE IN DE REËLE WAARDE VAN VASTGOEDBELEGGINGEN
Variatie in de reële waarde van vastgoedbeleggingen (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Positieve variaties in de reële waarde van vastgoedbeleggingen | 16.641 | 4.904 |
| Negatieve variaties in de reële waarde van vastgoedbeleggingen | -67.428 | -16.106 |
| Totaal | -50.786 | -11.202 |
Het netto portefeuilleresultaat toont een totale niet- gerealiseerde minderwaarde van -€ 50,8 miljoen in 2024 dewelke 4,17% is van de totale portefeuille. De totale negatieve herwaardering is voornamelijk te verklaren door de afwaardering op beide Knauf shoppincentra (-€ 29 M) dewelke verkocht werden op 13 februari 2025.# BIJLAGE 8 OPERATIONEEL RESULTAAT VAN ONTWIKKELINGSPROJECTEN
| Resultaat ontwikkelingsprojecten (in 1.000 €) | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|
| Omzet ontwikkelingsprojecten | 56.372 | 51.024 |
| Kosten ontwikkelingsprojecten | -51.257 | -46.650 |
| Andere resultaten ontwikkelingsprojecten | 5.189 | 4.858 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde vennootschappen en joint ventures | 4.364 | 8.904 |
| Totaal | 14.669 | 18.136 |
Het resultaat op de ontwikkelingsprojecten (omzet min kosten ontwikkelingsprojecten) bedraagt € 5,1 miljoen en dit resultaat is grotendeels gerealiseerd op de ontwikkeling van het project Park Lane Fase II dewelke gelegen is op de Tour & Taxis site. Deze ontwikkeling is begonnen in 2023 en bestaat uit 346 residentiële units waarvan reeds 268 units verkocht waren per eind december 2024. Het overige resultaat op ontwikkelingsprojecten, zijnde € 5,2 miljoen is hoofdzakelijk gerelateerd aan de earn outs op het grondaandeel te Cloche d’Or. De daling in vergelijking met vorig jaar is voornamelijk te wijten aan de vertraging van de verkopen in Cloche d’Or.
Cloche d’Or - Luxemburg
Het resterende bedrag van € 4,4 miljoen is gerelateerd aan de ontwikkelingen op Cloche d’Or in Luxemburg. Deze ontwikkelingen bestaan zowel uit kantoorprojecten als uit residentiële projecten.
Kantoorgebouwen
| Project | Status | Details | Verhuring |
|---|---|---|---|
| Kantoorgebouw Emerald | Opgeleverd Q4 2023 | Ca. 7.000 m²: 6 bovengrondse en 1 ondergrondse verdieping | 100% verhuurd: Intertrust, PWC en Stibbe |
| Kantoorgebouw White House | Opgeleverd Q1 2024 | Ca. 7.000 m²: 6 bovengrondse en 1 ondergrondse verdieping | 100% verhuurd: Intertrust |
| Kantoorgebouw Lofthouse | In planningsfase | Ca. 5.000 m²: 5 bovengrondse en 1 ondergrondse verdieping | Verregaande gesprekken lopende met potentiële huurders |
| Kantoorgebouw Stairs | In constructie, oplevering voorzien in maart 2026 | Ca. 10.000 m²: 10 bovengrondse en 1 ondergrondse verdieping | 100% verhuurd (State Street) en overeenkomst tot verkoop getekend bij oplevering in 2026 |
Residentiële ontwikkelingen
| Project | Status | Details | Verhuring |
|---|---|---|---|
| D-Nord | Opgeleverd in Q1 2023 | 194 appartementen | 188/194 appartementen gereserveerd/verkocht |
| D5-D10 | In aanbouw, eerste delen in oplevering | 185 appartementen (136 appartementen in aanbouw) | 116/136 appartementen gereserveerd/verkocht |
| B&B HOTELS | In aanbouw, oplevering verwacht in Q2 2025 | Hotel van ca. 4.500 m² met 150 kamers | 100% verhuurd aan B&B Hotels voor 20 jaar vast |
| D-Tours | In planningsfase | Ca. 374 appartementen |
BIJLAGE 9 ALGEMENE KOSTEN VAN DE VENNOOTSCHAP
| Algemene kosten (in 1.000 €) | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|
| Erelonen | -2.886 | -2.723 |
| Loonkosten | -3.966 | -4.059 |
| Overige | -4.563 | -4.474 |
| Totaal | -11.416 | -11.255 |
De algemene kosten van de vennootschap groeperen de “overhead” kosten van de onderneming, die op zich niets te maken hebben met de eigenlijke activiteit, nl. huurinkomsten en opbrengsten uit ontwikkelingen te genereren. Het zijn onder meer kosten die de vennootschap dient te dragen als juridische, beursgenoteerde entiteit en die voornamelijk te maken hebben met allerlei verplichtingen/voorschriften inzake transparantie, liquiditeit van het aandeel en financiële communicatie. De algemene kosten liggen in lijn met vorig jaar namelijk € 11,4 miljoen eind 2024 in vergelijking met € 11,3 miljoen eind 2023.
BIJLAGE 10 FINANCIËLE INKOMSTEN
| Financiële inkomsten (in 1.000 €) | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|
| Ontvangen dividenden | 6.757 | 6.621 |
| Overige financiële inkomsten | 7.264 | 4.459 |
| TOTAAL | 14.021 | 11.080 |
De rubriek “ontvangen dividenden” bestaat uit het ontvangen dividend (over boekjaar 2023/2024) op de aandelen van Retail Estates opgenomen voor € 6,8 miljoen. De overige financiële inkomsten bedragen de interesten ontvangen op de leningen die worden gegeven aan de joint venture rond Cloche d’Or.
BIJLAGE 11 FINANCIËLE KOSTEN
| Financiële kosten (in 1.000 €) | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|
| Interestlasten op leningen | -35.947 | -30.011 |
| Interestkosten op langlopende financiële schulden | -29.261 | -23.807 |
| Interestkosten op obligatieleningen | -2.627 | -3.300 |
| Interestkosten op kortlopende financiële schulden | -4.031 | -2.894 |
| Interestkosten op leasing schulden | -28 | -10 |
| Kosten van financiële instrumenten aangehouden voor indekkingsdoeleinden | 8.307 | 6.860 |
| Andere interestkosten | -47 | -353 |
| Overige financiële kosten | -857 | -1.749 |
| Totaal | -28.544 | -25.252 |
De stijging van de nominale interestlasten op leningen (zowel op langlopende financiële schulden als op kortlopende financiële schulden) is te verklaren door het feit dat de rente in de loop van 2024 verder is gestegen. De indekking met derivaten beperkt deze toename, dewelke kan worden vastgesteld in de opbrengsten van de financiële instrumenten aangehouden voor indekkingsdoeleinden. Dit bedraagt dit jaar een opbrengst van € 8,3 miljoen tegenover een opbrengst van € 6,9 miljoen eind vorig jaar. De gemiddelde financieringskost over de vastgoedbeleggingsportefeuille (exclusief de marked-to-market van de indekkingsinstrumenten) na hedging bedraagt eind 2024 2,86% (eind 2023: 2,67%); voor de interestlasten op de hedgingportefeuille bedraagt de gemiddelde financieringskost eind 2024 3,95% (eind 2023: 3,63%).
BIJLAGE 12 VARIATIES IN DE REËLE WAARDE VAN FINANCIËLE ACTIVA EN PASSIVA
| Variantie in de reële waarde van financiële activa en passiva (in 1.000 €) | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|
| Toegelaten afdekkingsinstrumenten die onderworpen zijn aan een afdekkingsboekhouding zoals gedefineerd onder IFRS en niet-effectieve deel van CF hedges | 0 | 0 |
| Toegelaten afdekkingsinstrumenten die niet onderworpen zijn aan een afdekkingsboekhouding zoals gedefineerd onder IFRS | -4.910 | -10.639 |
| Herwaardering participatie in andere GVV's | -7.162 | 3.513 |
| IFRS 16 | -452 | -161 |
| Totaal | -12.524 | -7.286 |
De variaties van de toegelaten afdekkingsinstrumenten die niet onderworpen zijn aan een afdekkingsboekhouding zoals gedefinieerd onder IFRS betreffen de schommelingen van de niet-effectieve interest reate swaps en de CAP’s (-€ 5,0 miljoen eind 2024 in vergelijking met -€ 10,6 miljoen eind 2023). Daarnaast wordt de herwaardering van de participaties in Retail Estates ook hier geboekt. Dit jaar werd een negatieve herwaardering op de participatie in Retail Estates geboekt voor een bedrag van -€ 7,2 miljoen.
BIJLAGE 13 UITGESTELDE BELASTINGEN
De opbrengsten met betrekking tot uitgestelde belastingen bedragen € 11,8 miljoen. Deze zijn voor € 8,0 miljoen toe te wijzen aan de daling van een latente meerwaarde op de variatie in de reële waarde van de financiële instrumenten en vastgoedbeleggingen en voor € 3,4 miljoen aan het boeken van een uitgestelde belastingsopbrengst voor het erkennen van fiscale verliezen.
BIJLAGE 14 VENNOOTSCHAPSBELASTING
| Vennootschaps- en uitgestelde belastingen(in 1.000 €) | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|
| Aansluiting tussen toepasselijk en effectief belastingtarief | ||
| Winst (verlies) vóór belasting | -11.515 | 33.771 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde vennootschappen en joint ventures | -4.364 | -8.904 |
| -15.879 | 24.868 | |
| Toepasselijk belastingtarief (%) | 25% | 25% |
| Belastingen op basis van het toepasselijk belastingtarief | 3.970 | -6.217 |
| Impact van tarieven in andere rechtsgebieden | 416 | -1.336 |
| Impact van niet-belastbare inkomsten | 2.100 | |
| Impact van niet-aftrekbare kosten | -501 | -1.985 |
| Impact van fiscale verliezen | -3.513 | 2.270 |
| Impact van notionele interestaftrek | 0 | 0 |
| Impact van wijzigingen in de belastingtarieven | 0 | 0 |
| Impact van over(onder)schattingen voorgaande perioden | 0 | 0 |
| Impact div. ontv. niet-geconsolideerde participaties (DBI) | 0 | 0 |
| Overige impacten | 0 | -4.361 |
| Belasting op basis van het effectief belastingtarief | 371 | -9.529 |
BIJLAGE 15 VASTGOEDBELEGGINGEN (REËLE WAARDE METHODE)
Vastgoedbeleggingen (Reële waarde methode) (in 1.000 €) | Vastgoed beschikbaar voor verhuur | Herontwikkeling van beleggingsvastgoed | Totaal | Activa bestemd voor verkoop
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023 | 31/12/2024 | 31/12/2023
------- | -------- | -------- | -------- | -------- | -------- | -------- | -------- | --------
Saldo per einde van het vorige boekjaar | 1.157.032 | 1.248.256 | 131.811 | 30.460 | 1.288.843 | 1.278.716 | |
Investeringen | 13.187 | 29.479 | 12.588 | 25.225 | 25.775 | 54.704 | 9.515 |
Desinvesteringen | -72.025 | -41.458 | | | -72.025 | -41.458 | |
Verwervingen | | | | | | | 7.862 | 9.451
Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | | | | | | | 17.313 |
Overboekingen van/(naar) andere posten | -175.502 | -75.750 | 65.820 | | -10.930 | 184.733 | 9.930 |
Gerealiseerd resultaat verkopen | 3.500 | 3.500 | | | | | |
Deferred tax | | | | | | | |
Stijging/(daling) van de reële waarde | -16.143 | -11.357 | -6.146 | 855 | -22.289 | -10.502 | -28.497 | -700
Right to use IFRS 16 | | | | | | | |
Saldo per einde van het boekjaar | 911.071 | 1.157.032 | 138.254 | 131.811 | 1.049.325 | 1.288.843 | 165.750 | 9.230
De nettoboekwaarde van het vastgoed beschikbaar voor verhuur (incl. herontwikkeling van beleggingsvastgoed) daalt met € 239,5 miljoen in vergelijking met vorig boekjaar. De daling wordt voornamelijk verklaard door de verkopen van enkele gebouwen ten belope van € 72,0 M in vergelijking met € 41,5 Mvorig jaar. Daarnaast werden er ook waardetoevoegende investeringen ten belope van € 25,8 miljoen uitgevoerd gecompenseerd door de variatie in de reële waarde met een impact van -€ 22,3 miljoen. Er werd per eind 2024 ook€ 165,8 M overgeboekt naar de activa bestemd voor verkoop.# Vastgoedverslag
Dit betreft de twee KNAUF shoppingcentra in Luxemburg dewelke verkocht werden eind februari 2025. Voor meer toelichting omtrent de vastgoedwaardering, verwijzen we naar het vastgoedverslag in hoofdstuk 4. Vastgoedbeleggingen worden geboekt tegen reële waarde, gebruik makend van het model van de reële waarde overeenkomstig de norm IAS 40. Deze reële waarde is gelijk aan het bedrag waaraan een gebouw zou kunnen worden
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
verhandeld tussen goed geïnformeerde en bereidwillige partijen die in normale mededingingsomstandigheden handelen. De reële waarde stemt overeen met de investeringswaarde zoals bepaald door een onafhankelijke vastgoeddeskundige minus transactiekosten, de zogenaamde ‘mutatiekosten’. Voor meer toelichting hieromtrent verwijzen we ook naar de waarderingsregels. De investeringswaarde is de waarde zoals bepaald door een onafhankelijke vastgoeddeskundige, waarvan de mutatiekosten niet zijn afgetrokken. Deze waarde komt overeen met de prijs die een derde partij investeerder (of hypothetische koper) zou betalen om het goed te verwerven met als doel te genieten van de huurinkomsten en een rendement op zijn investering te genereren. De waarden werden bepaald door de onafhankelijke deskundigen.
Volgende methoden worden aangewend teneinde de reële waarde te bepalen conform IFRS 13:
ACTUALISATIE VAN DE GESCHATTE HUUROPBRENGSTEN
De investeringswaarde is de resultante van het toegepast rendement op de geschatte huurwaarde (kapitalisatie- methode of marktbenadering) gecorrigeerd met de geactualiseerde waarde (NPV) van het verschil tussen de huidige actuele huur en de geschatte huurwaarde op datum van de evaluatie, en dit voor de periode tot aan de volgende opzegmogelijkheid van de lopende huurcontracten.
DISCOUNTED CASH-FLOW METHODE
De DCF-methode bestaat erin de huidige waarde van de toekomstige kasstromen te bepalen. De toekomstige huurinkomsten worden ingeschat op basis van de bestaande contractuele huurprijzen en de verwachtingen van de vastgoedmarkt voor elk gebouw in de daaropvolgende periodes. Daarnaast worden ook de toekomstige onderhouds-kosten geschat en in rekening gebracht. De gehanteerde actualisatievoet houdt rekening met de door de markt vooropgestelde risicopremie voor het object. De bekomen waarde wordt daarnaast nog getoetst aan de markt op basis van de bepaling van de residuele grondwaarde.
RESIDUELE WAARDERING
Te renoveren gebouwen of die reeds onder renovatie zijn of geplande projecten worden geëvalueerd aan de hand van de waarde na renovatie verminderd met het bedrag van de resterende werken inclusief kosten, interesten, leegstand en een risicopremie.
Activa en passiva die na hun initiële boeking gewaardeerd worden aan reële waarde, kunnen worden voorgesteld onder drie niveaus (1-3) die elk met een niveau van observeerbaarheid van de reële waarde overeenkomen:
- Niveau 1waarderingen van de reële waarde zijn bepaald volgens de (niet- aangepaste) marktprijsnoteringen in actieve markten voor identieke activa en verplichtingen.
- Niveau 2waarderingen van de reële waarde worden bepaald op basis van andere gegevens dan genoteerde prijzen bedoeld in niveau 1, die observeerbaar zijn voor het actief of de verplichting, zowel rechtstreeks (d.w.z. als prijzen) als onrechtstreeks (d.w.z. afgeleid uit prijzen).
- Niveau 3waarderingen van de reële waarde worden bepaald op basis van waarderingstechnieken die gegevens voor het actief of de verplichting omvatten die niet gebaseerd zijn op observeerbare marktgegevens (niet- observeerbare gegevens).
De vastgoedbeleggingen ressorten onder niveau 3.
Cushman & Wakefield heeft op 31 december 2024 voor het geheel van de gebouwen Nextensa NV, inclusief het gedeelte van de portefeuille dat door Örag geschat werd, een waarde bepaald. Het patrimonium bestaat uit bedrijvenparken, kantoren en winkels verspreid over het Groothertogdom Luxemburg, België en Oostenrijk. Voor meer detail verwijzen we ook naar bijlage Voornaamste kerncijfers - (Overige segmentinformatie).
De tabel op de volgende bladzijde geeft een overzicht van de toegepaste waarderingstechnieken per activaklasse alsook de voornaamste gebruikte variabelen. Noteer dat in deze tabel er geen individuele melding wordt gemaakt over de leegstand, restwaarde en operationele marge. Met GHW wordt geschatte huurwaarde bedoeld. Leegstand hypothese wordt deels op basis van locatie, huurcontract en deels in yield verwerkt. De Economische levensduur wordt niet specifiek weergegeven voor de kantoorgebouwen en retailparken omdat deze reeds vervat zit in de bepaling van de yield.
Sensitiviteitsanalyse van de waardering
Een daling van de verwachte huurinkomsten zal resulteren in een lagere reële waarde. Een verhoging van de verdisconteringsvoet en de kapitalisatievoet zal eveneens de reële waarde verlagen. Deze verdisconteringsvoeten en
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
kapitalisatievoeten zijn onderling verbonden omdat ze worden bepaald door de marktomstandigheden. Daarnaast kan de gevoeligheid van de reële waarde van de portefeuille als volgt worden geschat: een stijging (daling) van de huurinkomsten met 1% zou een stijging (daling) van de reële waarde van de portefeuille met ongeveer € 10,9 miljoen betekenen (ervan uitgaande dat alle andere variabelen constant blijven). Een stijging (daling) van de gewogen gemiddelde kapitalisatievoet met 25 basispunten zou een daling (stijging) van de reële waarde met ongeveer € 45,8 miljoen veroorzaken (ervan uitgaande dat alle andere variabelen constant blijven).
| ACTIVA KLASSE | Reële waarde 2024 (€ 1000) | Reële waarde 2023 (€ 1000) | Waarderingstechniek | Belangrijkste inputs 31/12/2024 Min-Max (gewogen gemiddelde) | Belangrijkste inputs 31/12/2023 Min-Max (gewogen gemiddelde) |
|---|---|---|---|---|---|
| Retail (Groothertogdom Luxemburg & België) | 153.455 | 373.924 | Actualisatie van de geschatte huuropbrengsten a) | Vork GHW a) 0,34 €/m2- 14,48 €/m2 b) Gemiddelde gewogen geschatte huurwaarde b) 10,63 €/m2 c) Kapitalisatievoet vork c) 1,82% - 7,00% d) Gem. gewogen kap.voet d) 6,11% e) Resterende looptijd e) 5,27 jaar f) Aantal m2 f) 74.745 m2 | Vork GHW a) 0,34 €/m2- 20,59 €/m2 b) Gemiddelde gewogen geschatte huurwaarde b) 13,69 €/m2 c) Kapitalisatievoet vork c) 1,82% - 15,09% d) Gem. gewogen kap.voet d) 6,93% e) Resterende looptijd e) 4,17 jaar f) Aantal m2 f) 166.950 m2 |
| Retail Oostenrijk | 188.341 | 190.926 | DCF (discounted cash flow) | Vork GHW a) 12,65 €/m2- 17,27 €/m2 b) Gemiddelde gewogen geschatte huurwaarde b) 14,20 €/m2 c) Kapitalisatievoet vork c) 5,52% - 6,62% d) Gem. gewogen kap.voet d) 6,14% e) Resterende looptijd e) 5,58 jaar f) Aantal m2 f) 69.219 m2 | Vork GHW a) 12,38 €/m2- 15,87 €/m2 b) Gemiddelde gewogen geschatte huurwaarde b) 13,77 €/m2 c) Kapitalisatievoet vork c) 5,22% - 6,54% d) Gem. gewogen kap.voet d) 5,62% e) Resterende looptijd e) 5,62 jaar f) Aantal m2 f) 69.219 m2 |
| Kantoren Groothertogdom Luxemburg | 116.570 | 136.330 | Actualisatie van de geschatte huuropbrengsten a) | Vork GHW a) 27,54 €/m2- 45,50 €/m2 b) Gemiddelde gewogen geschatte huurwaarde b) 33,89 €/m2 c) Kapitalisatievoet vork c) 5,75% - 6,60% d) Gem. gewogen kap.voet d) 5,37% e) Resterende looptijd e) 3,94 jaar f) Aantal m2 f) 33.768 m2 | Vork GHW a) 35,41 €/m2- 61,07 €/m2 b) Gemiddelde gewogen geschatte huurwaarde b) 42,44 €/m2 c) Kapitalisatievoet vork c) 1,61% - 5,93% d) Gem. gewogen kap.voet d) 4,30% e) Resterende looptijd e) 3,34 jaar f) Aantal m2 f) 29.605 m2 |
| Kantoren België | 363.074 | 367.357 | Actualisatie van de geschatte huuropbrengsten a) | Vork GHW a) 12,71 €/m2- 27,45 €/m2 b) Gemiddelde gewogen geschatte huurwaarde b) 16,24 €/m2 c) Kapitalisatievoet vork c) 4,80% - 8,97% d) Gem. gewogen kap.voet d) 5,30% e) Resterende looptijd e) 5,20 jaar f) Aantal m2 f) 110.658 m2 | Vork GHW a) 13,12 €/m2- 26,55 €/m2 b) Gemiddelde gewogen geschatte huurwaarde b) 16,36 €/m2 c) Kapitalisatievoet vork c) 4,54% - 8,32% d) Gem. gewogen kap.voet d) 5,14% e) Resterende looptijd e) 6,10 jaar f) Aantal m2 f) 107.658 m2 |
| Andere | 393.634 | 229.537 | DCF(discounted cash flow of actualisatie van kasstromen tegen discontovoet) a) | Economische levensduur a) 30 jaar b) Resterende looptijd b) 0,71 jaar c) Aantal m2 c) 32.629 m2 | Economische levensduur a) 30 jaar b) Resterende looptijd b) 1,17 jaar c) Aantal m2 c) 32.629 m2 |
| Totaal Vastgoed-beleggingen | 1.215.074 | 1.298.074 |
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
BIJLAGE 16
MINDERHEIDSBELANGEN
Overzicht minderheidsbelangen(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Vaste activa | 0 | 0 |
| Vlottende activa | 19.758 | 42.056 |
| Totale activa | 19.758 | 42.056 |
| Langlopende verplichtingen | 18.500 | 18.906 |
| Kortlopende verplichtingen | 2.984 | 10.071 |
| Totale passiva | 21.484 | 28.977 |
| Netto activa | -1.726 | 13.079 |
| Aandeel groep in de netto activa | -1.378 | 2.611 |
| Aandeel in netto activa minderheidsbelangen | -348 | 10.468 |
| Aandeel groep in de netto activa - Overige | ||
| Totaal minderheidsbelangen | -348 | 10.468 |
Grossfeld Development (voorheen gecontroleerd, maar met gesplitst resultaat) werd gedeeltelijk verkocht in 2024 (verlies van controle) en gewaardeerd op basis van de vermogens-mutatiemethode. Daarom significante beweging in de minderheidsbelangen. Hierdoor betreft het minderheidsbelang enkel nog een gedeelte van Monteco.
Inhoud
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
BIJLAGE 17
ANDERE MATERIËLE VASTE ACTIVA
Andere materiële vaste activa(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Installaties, machines en uitrusting | 475 | 1.911 |
| Meubilair, kantoormateriaal en rollend materieel | 914 | 684 |
| Andere | 6.108 | 6.101 |
| Andere materiële vaste activa | 7.497 | 8.697 |
Bewegingen in andere materiële vaste activa
- Saldo per einde van het vorige boekjaar: 8.696 (2023: 6.719)
- Bruto bedrag: 12.503 (2023: 10.150)
- Geaccumuleerde afschrijvingen (-): -3.806 (2023: -3.430)
- Investeringen (+) / Desinvesteringen (-): 289 (2023: 2.726)
- Overboekingen van (naar) andere posten: -453
- Afschrijvingen (-): -1.035 (2023: -749)
- Saldo per einde van het boekjaar: 7.497 (2023: 8.696)
Waarvan:
* Materiële vaste activa voor eigen gebruik: 1.420 (2023: 1.420)
* Andere: 6.077 (2023: 7.276)
De andere materiële vaste activa worden geboekt tegen aanschaffingswaarde verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en eventueel bijzondere waardeverminderingen (conform IAS 16). Deze worden lineair afgeschreven in functie van de economische levensduur.# BIJLAGE 18 DEELNEMINGEN IN GEASSOCIEERDE VENNOOTSCHAPPEN EN JOINT VENTURES
Deelnemingen in geassocieerde vennootschappen en joint ventures (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Saldo per einde van het vorige boekjaar | 69.706 | 59.109 |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 0 | 0 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde vennootschappen en joint ventures | 4.364 | 8.904 |
| Provisies i.v.m. beleggingen met negatief eigen vermogen | 337 | 0 |
| Dividenden ontvangen uit JV's | 0 | 0 |
| Investeringen (+) / Desinvesteringen (-) | 8.354 | 1.356 |
| Andere | 0 | 0 |
| Totaal | 82.424 | 69.706 |
De deelnemingen in geassocieerde vennootschappen en joint ventures betreffen voornamelijk de deelnemingen met betrekking tot het ontwikkelingsproject op Cloche d’Or in Luxemburg. Een overzicht van de deelnemingen werd hieronder opgenomen alsook verdere details voor de belangrijkste deelnemingen.
| Naam | Land | Hoofdactiviteit | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|---|---|
| CBS Development NV | België | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| CBS-Invest NV | België | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| Grossfeld Immobilière SA | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| Grossfeld PAP SICAV-RAIF SA | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| Emerald I SàRL | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| White House I SàRL | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| Niederanven I SàRL | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| Les Jardins de Oisquercq NV | België | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| Sparkling 1 SàRL | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 50,00% |
| Stairs 1 SàRL | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 0,00% |
| AdHoc SàRL | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 0,00% |
| Grossfeld Developments SàRL (LU) | Luxemburg | Vastgoedontwikkeling | 50,00% | 100,00% |
De voornaamste participatie die volgens de vermogens-mutatiemethode wordt geconsolideerd is Grossfeld PAP SICAV-RAIF SA.
SAMENVATTING FINANCIËLE INFORMATIE GROSSFELD PAP SICAV-RAIF SA
(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Resultaat voor intresten en belastingen | 12.496 | 18.515 |
| Belastingen | -16 | -14 |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 12.271 | 18.479 |
| Winst (verlies) toewijsbaar aan de groep | 6.135 | 9.240 |
(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Vaste activa | 2 | 2 |
| Vlottende activa | 480.466 | 428.408 |
| Totaal activa | 480.467 | 428.410 |
| Langlopende verplichtingen | -55.056 | 62.350 |
| Kortlopende verplichtingen | 264.395 | 217.314 |
| Totaal verplichtingen | 319.451 | 279.664 |
| Netto-activa | 161.023 | 148.752 |
| Netto-activa toewijsbaar aan de groep | 71.122 | 73.421 |
BIJLAGE 19 HANDELSVORDERINGEN EN ANDERE VASTE ACTIVA
De handelsvorderingen en andere vaste activa op lange termijn betreffen de financieringen die Nextensa NV geeft aan Cloche d’Or. Per eind 2024 bedraagt dit € 8,5 miljoen.
BIJLAGE 20 FINANCIËLE VASTE ACTIVA
FINANCIËLE VASTE ACTIVA
(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Deelnemingen in andere GVV's | 80.133 | 87.296 |
| Indekkingsinstrumenten | 14.314 | 20.633 |
| Andere | 264 | 266 |
| Totaal | 94.712 | 108.194 |
De financiële vaste activa zijn gedaald door de negatieve variatie in de waardering van de financiële instrumenten ten belope van € 6,2 miljoen en door de negatieve herwaardering van € 7,2 miljoen die is geboekt op de participatie in Retail Estates. De participatie in Retail Estates wordt conform IFRS aan de slotkoers op balansdatum gewaardeerd.
BIJLAGE 21 ACTIVA BESTEMD VOOR VERKOOP
ACTIVA BESTEMD VOOR VERKOOP
(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Activa bestemd voor verkoop | 165.750 | 9.230 |
| Totaal | 165.750 | 9.230 |
De activa bestemd voor verkoop betreffen de twee KNAUF shoppingcentra in Luxemburg dewelke per 13 februari 2025 verkocht werden. Eind vorig jaar werd het gebouw Foetz in Luxemburg gepresenteerd als activa bestemd voor verkoop.
BIJLAGE 22 VOORRADEN
Voorraden
(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Grondenportefeuille | 18.673 | 19.504 |
| Grondbank Tour en Taxis | 90.228 | 82.575 |
| Totaal | 108.901 | 102.079 |
De voorraden bestaan voornamelijk uit de grondbank van Tour & Taxis waarop in de toekomst nog ca. 130.000 m² gemengd residentieel/ kantoren ontwikkeld kunnen worden. Daarnaast betreft dit ook de grondenportefeuille van Nextensa NV.
BIJLAGE 23 ONDERHANDEN WERKEN IN UITVOERING
Onderhanden werken in uitvoering
(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Project in aanbouw Tour & Taxis | 33.055 | 33.002 |
| Overige | 27.836 | 42.115 |
| Totaal | 60.891 | 75.118 |
De onderhanden werken in uitvoering hebben voornamelijk betrekking op de projecten Park Lane in België en Cloche d’Or in Luxemburg. Het project in aanbouw op Tour & Taxis betreft het project Park Lane II. In juni 2022 werd er gestart met de bouw van het Park Lane fase II-project, bestaande uit 11 compacte gebouwen en 346 appartementen. Er zijn reeds meer dan 297 appartementen van dit project gereserveerd of verkocht (per eind 2023 waren er 215 appartementen verkocht of gereserveerd), hetgeen betekent dat er elke 4,4 dagen sinds commercialisering een appartement van dit project verkocht wordt.
Onderhanden werken in uitvoering
(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Gemaakte projectkosten plus opgenomen winsten/minus opgenomen verliezen tot op heden | 75.118 | 93.929 |
| Verminderd met: Voortgangsfacturatie | -14.226 | -18.811 |
| Totaal | 60.892 | 75.118 |
Onderhanden werken in uitvoering betreffen bedragen die door klanten verschuldigd zijn in het kader van onderhanden projecten. De gemaakte kosten voor onderhanden werken worden verminderd door de betalingen van klanten, ontvangen in overeenstemming met een reeks prestatiegerelateerde mijlpalen.
BIJLAGE 24 HANDELSVORDERINGEN
Nextensa NV schat dat de boekwaarde van de handelsvorderingen hun reële waarde benadert. Er werd dan ook geen correctie voorzien op de boekwaarde van de vorderingen. De toename in vergelijking met 2023 is te verklaren door het feit dat vlak voor jaareinde de akte van de bloc verkoop werd getekend en het geld pas ontvangen werd kort na jaareinde.
Handelsvorderingen (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | Niet vervallen | Vervallen < 30 d | Vervallen < 60 d | Vervallen < 120 d | Vervallen > 120 d | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Handelsvorderingen | 28.731 | 19.363 | 5.170 | 1.030 | 1.667 | 1.500 |
| Op te stellen facturen | 5.392 | 5.392 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Dubieuze debiteuren | -1.318 | -1.318 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Totaal | 32.805 | 24.755 | 5.170 | 1.030 | 1.667 | 183 |
| 31/12/2023 | Niet vervallen | Vervallen < 30 d | Vervallen < 60 d | Vervallen < 120 d | Vervallen > 120 d | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Handelsvorderingen | 19.485 | 8.337 | 6.345 | 686 | 2.436 | 1.681 |
| Op te stellen facturen | 4.137 | 4.137 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Dubieuze debiteuren | -845 | -845 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Totaal | 22.777 | 12.474 | 6.345 | 686 | 2.436 | 836 |
Vorderingen en schulden (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Gecumuleerde waardeverminderingen - beginsaldo | -845 | -821 |
| Bijzondere waardevermindering geboekt tijdens het boekjaar | -497 | -41 |
| Bijzondere waardevermindering teruggenomen tijdens het boekjaar | 25 | 10 |
| Bijzondere waardevermindering uitgeboekt tijdens het boekjaar | 8 | 0 |
| Gecumuleerde waardeverminderingen - eindsaldo | -1.318 | -845 |
Het aandeel van de vervallen handelsvorderingen waar geen voorziening voor werd aangelegd, wordt afgedekt door een bankgarantie op eerste verzoek of maakt het voorwerp uit van een afbetalingsplan.
BIJLAGE 25 BELASTINGVORDERINGEN EN ANDERE VLOTTENDE ACTIVA
Belastingsvorderingen en andere vlottende activa
(in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Belastingen | 12.367 | 16.079 |
| Andere | 51.907 | 55.557 |
| TOTAAL | 64.274 | 71.636 |
De rubriek belastingvorderingen betreft voornamelijk terug te vorderen BTW en inkomstenbelastingen. De daling in de andere vlottende activa is toe te wijzen aan de vorderingen, in het kader van ontwikkelingsprojecten, op deelnemingen die verwerkt worden volgens de vermogensmutatiemethode.
BIJLAGE 26 KAS EN KASEQUIVALENTEN
De kas en kasequivalenten bestaan uitsluitend uit zichtrekeningen bij financiële instellingen. Voor de evolutie van de kas en kasequivalenten verwijzen we naar de kasstroomtabel.
BIJLAGE 27 AANDELENKAPITAAL, UITGIFTEPREMIES, EIGEN AANDELEN EN NETTO RESULTAAT
A) AANDELENCATEGORIEËN:
Nextensa NV heeft slechts één categorie van aandelen, nl. gewone aandelen. Aandelen kunnen nominatief of gedematerialiseerd zijn. Gedematerialiseerde aandelen geven recht op één stem en één dividend per aandeel. Nominatieve aandelen die minstens 2 jaar aangehouden worden, geven sinds 19 juli 2021 recht op een dubbel stemrecht. Alle aandelen zijn volstort. Voor bijkomende informatie over de aard van de aandelen verwijzen we naar de statuten. Het aantal aandelen per eind 2024 bedraagt 10.171.130 in vergelijking met 10.002.102 stuks per eind 2023.
B) TOEGESTAAN KAPITAAL:
Het kapitaal bedraagt € 111,9 miljoen per eind 2024 in vergelijking met € 110,0 miljoen per eind 2023. De raad van bestuur is gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal te verhogen op de data en tegen de voorwaarden die zij zullen vaststellen, in één of meerdere keren, ten belope van € 109.997.148,34. Deze machtiging is geldig voor een duur van vijf (5) jaar vanaf de bekendmaking van de notulen van de buitengewone algemene vergadering van 19 juli 2021. Zij is hernieuwbaar. Voor bijkomende informatie over het toegestaan kapitaal verwijzen we naar de statuten (Artikel 7).# BIJLAGE 28 INFORMATIE BETREFFENDE DE FINANCIËLE INSTRUMENTEN
28.1 OVERZICHT VAN DE FINANCIËLE INSTRUMENTEN AAN BOEKWAARDE
Overzicht van de financiële instrumenten aan boekwaarde (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Financiële activa | ||
| Geamortiseerde kost | ||
| Kas en kasequivalenten | 8.590 | 11.129 |
| Handelsvorderingen en andere vorderingen | 105.584 | 100.663 |
| Reële waarde | ||
| Financiële vaste activa | 94.712 | 108.194 |
| Totaal | 208.886 | 219.986 |
| Financiële passiva | ||
| Geamortiseerde kost | ||
| Leningen | 769.292 | 795.632 |
| Handelsschulden en andere schulden | 33.346 | 39.564 |
| Andere kortlopende verplichtingen | 12.496 | 11.571 |
| Leasingschuld | 2.318 | 2.318 |
| Reële waarde | ||
| LT hedging schuld | 1.248 | 436 |
| Totaal | 818.699 | 849.521 |
28.2 TOELICHTING MET BETREKKING TOT DE FINANCIËLE SCHULDEN
Overzicht van de financiële schulden (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Leningen kredietinstellingen > 1J | 327.004 | 457.345 |
| Leningen kredietinstellingen < 1J | 257.838 | 109.493 |
| Private obligaties | 100.000 | 140.000 |
| Geactiveerde kosten van private obligaties | -996 | -1.590 |
| Handelspapieren | 82.500 | 87.500 |
| Leases | 2.318 | 2.318 |
| Boekhoudkundige waarde financiële schulden met uitzondering van huurwaarborgen | 768.664 | 795.066 |
| Huurwaarborgen | 2.946 | 2.884 |
| Boekhoudkundige waarde financiële schulden inclusief huurwaarborgen | 771.610 | 797.949 |
Aansluiting van bewegingen op schulden met kasstromen uit financieringsactiviteiten (in 1.000 €)
| Leningen krediet-instellingen | Bonds > 1J | Bonds < 1J | Handels-papieren | Huur-waarborgen | Leases | Geactiveerde kosten van Bonds | Intresten | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Saldo op 01/01/2024 | 566.838 | 100.000 | 40.000 | 87.500 | 2.884 | 2.317 | -1.590 | 0 | 797.949 |
| Variaties door bedrijfscombinaties | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Variaties van financiële kasstromen | 18.004 | -40.000 | -5.000 | 0 | 63 | 594 | 0 | 0 | -26.339 |
| Afname (-) van de financiële schulden | 0 | -40.000 | -5.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -45.000 |
| Toename (+) van de financiële schulden | 18.004 | 0 | 0 | 0 | 63 | 594 | 0 | 0 | 18.661 |
| Betaalde financiële intresten | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Overige variaties | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Koers- en andere schommelingen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Nieuwe contracten | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Intrest kosten | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Afschrijvingen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Overboekingen van/(naar) andere posten | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Saldo op 31/12/2024 | 584.842 | 100.000 | 0 | 82.500 | 2.947 | 2.317 | -996 | 0 | 771.610 |
Doordat de vastgoedmarkt grotendeels tot stilstand kwam in de loop van 2023 en dit gedurende 2024 bleef verder duren, konden minder kantoorgebouwen verkocht worden dan gewenst. Toch kon de totale financiële schuld dalen met €26,3 miljoen door de verkoop van enkele gebouwen in vergelijking met eind 2023 en bedragen € 771.610 duizend.
De rubriek Bond omvat voor € 100 miljoen de door Nextensa NV in 2019 uitgegeven obligatielening. Dit betreft een private plaatsing van € 100 miljoen uitgegeven tegen een vaste rente van 1,95% met eindvervaldag 28 november 2026.
De opnames van de bilaterale bancaire kredieten bedragen op 31 december 2024 € 327,0 miljoen op lange termijn en € 257,8 miljoen op korte termijn.
De ‘andere kortlopende financiële schulden’ ten belope van € 82,8 miljoen omvatten het uitgegeven commercial paper op minder dan één jaar. De opnames commercial paper worden betaald op basis van een vlottende rente en vervallen allemaal binnen het jaar. Deze opnames zijn volledig gedekt door beschikbare ruimte op bilaterale kredietlijnen zodat deze vervaldagen steeds kunnen geherfinancierd worden mocht de vraag van de markt naar nieuwe plaatsingen verminderen.
Daarnaast werd er een andere langlopende financiële schuld geboekt voor de leaseverplichting die Nextensa NV heeft voor het gebouw Hangar 26-27 in Antwerpen. Hiervoor werd een totale verplichting geboekt van € 2,3 miljoen. De incremental borrowing rate die werd gebruikt bedraagt 5,0%.
De gezamenlijke opgenomen schuldpositie op afsluitdatum bedraagt € 771.610 duizend, waarvan € 2.946 duizend ontvangen huurwaarborgen.
De obligatielening werd verwerkt tegen geamortiseerde kost. De boekwaarde van de private obligatielening bedraagt eind 2024 € 99.004 duizend in vergelijking met € 138.410 duizend eind 2023.
Eind 2024 bedraagt het aandeel vastrentende kredieten 16% of € 122,5 miljoen van de totaal uitstaande financiële schuld, wat een lichte daling is in vergelijking met eind 2023 (20%).
De financiële instellingen staan kredieten toe aan Nextensa NV op basis van de notoriëteit van de vennootschap en verschillende financiële en andere convenanten. Het niet respecteren van deze convenanten kan de vroegtijdige opzeg van deze kredieten tot gevolg hebben. De aangegane kredieten bevatten klassieke convenanten waarvan de volgende de voornaamste zijn:
- De loan-to-value gelijk of lager dan 60%. Deze bedroeg per eind 2024 55,64% en valt dus binnen de grens. Daarenboven is door de verkoop van de twee Knauf shoppingcentra per 13 februari 2025 de loan-to-value onder de 50% gezakt wetende dat deze covenant vanaf 31/03/2025 gelijk of lager dan 55% moet zijn.
- De Interest cover ratio voldoet aan de vooropgestelde waarde per 31/12/2024.
- De net yield to debt ratio voldoet aan de vooropgestelde waarde per 31/12/2024.
- De marktwaarde van één enkel investeringsvastgoed mag niet groter zijn dan een vooropgestelde waarde (=concentratierisico). Ook hier wordt per 31/12/2024 aan voldaan.
- Het bedrag aan uitstaand commercial dient ten allen tijden gebackt te zijn door ongebruikte bilaterale bankkredieten en voor een minimum percentage ingedekt tegen een stijgende kortetermijnrente.
Voor alle convenanten wordt verwacht dat deze in de komende 12 maanden ook niet overschreden zullen worden.
Het liquiditeitsrisico wordt nauwkeurig gemonitord door het bijhouden van continue kasstroomprognoses en het optimal beheer van werkkapitaal. Daarenboven wordt ook bekeken hoe de kredietlijnen bij de verscheidene banken evolueren en worden deze telkens bijgesteld naar de behoeften op middellange termijn.
In het kader van diverse ontwikkelingsprojecten, verleende de Groep garanties ten belope van € 181,7 miljoen als zekerheid voor lopende bankkredieten.
In het kader van de bijkomende verplichtingen die worden opgelegd door IAS 7, melden wij dat de balansbeweging op de financiële schulden, zowel voor het boekjaar 2024 als voor het boekjaar 2023, uitsluitend cash-bewegingen omvat in het kader van opname van kredietlijnen.
Tijdschema van de financiële schulden en kredietlijnen (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| < 1 jaar | > 1 jaar | |
| Financiële schulden - kredietinstellingen | ||
| Kredietlijnen | 304.216 | 472.100 |
| Kredietopnames | 256.074 | 304.861 |
| Intresten | 15.757 | 18.759 |
| % aandeel (kredietopnames/kredietlijnen) | 71,5% | 65,1% |
| Obligatieleningen | 99.793 | 0 |
| Commercial Paper programma | 250.000 | 0 |
| Commercial Paper opnames | 82.500 | 0 |
| % aandeel CP / kredietlijnen | 10,1% | 0,0% |
| % aandeel (kredietopnames & CP / kredietlijnen) | 81,6% | 65,1% |
| % overschot kredietlijnen na dekking CP | 18,4% | 34,9% |
| Lease contracten | 0 | 0 |
28.3 FAIR VALUE DISCLOSURES
Activa en Passiva die na hun initiële boeking gewaardeerd worden aan reële waarde, kunnen worden voorgesteld onder drie niveaus (1-3) die elk met een niveau van observeerbaarheid van de reële waarde overeenkomen:
- Niveau 1: waarderingen van de reële waarde zijn bepaald volgens de (niet- aangepaste) marktprijsnoteringen in actieve markten voor identieke activa en verplichtingen;
- Niveau 2: waarderingen van de reële waarde worden bepaald op basis van andere gegevens dan genoteerde prijzen bedoeld in niveau 1, die observeerbaar zijn voor het actief of de verplichting, zowel rechtstreeks (d.w.z. als prijzen) als onrechtstreeks (d.w.z. afgeleid uit prijzen);
- Niveau 3: waarderingen van de reële waarde worden bepaald op basis van waarderingstechnieken die gegevens voor het actief of de verplichting omvatten die niet gebaseerd zijn op observeerbare marktgegevens (niet- observeerbare gegevens).
Per einde 2024 (in 1.000 €)
| Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Boek-waarde | Reële waarde | |
|---|---|---|---|---|---|
| Financiële vaste activa | |||||
| - Deelnemingen in andere GVV's/vastgoedcertificaten | 80.133 | 0 | 0 | 80.133 | 80.133 |
| - Deelnemingen in geassocieerde vennootschappen en joint ventures | 82.424 | 0 | 0 | 82.424 | 82.424 |
| - Andere afgeleide instrumenten welke niet kwalificeren onder kasstroomindekkingen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| - Andere afgeleide instrumenten die kwalificeren onder reële waardeindekkingen | 0 | 14.314 | 0 | 14.314 | 14.314 |
| Vorderingen financiële leasing | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Vlottende activa | |||||
| Voorraden | 108.901 | ||||
| Onderhanden werken in uitvoering | 60.891 | ||||
| Handelsvorderingen | 0 | 32.805 | 0 | 32.805 | 32.805 |
| Belastingsvorderingen en andere vlottende activa | 0 | 64.274 | 0 | 64.274 | 64.274 |
| Kas en kasequivalenten | 8.590 | 0 | 0 | 8.590 | 8.590 |
| Overlopende rekeningen | 0 | 5.934 | 0 | 5.934 | 5.934 |
| Langlopende financiële schulden | |||||
| - Kredietinstellingen | 0 | 327.004 | 0 | 327.004 | 326.732 |
| - IFRS 16 | 0 | 2.318 | 0 | 2.318 | 2.318 |
| - Andere | 0 | 102.740 | 0 | 102.740 | 98.352 |
| Andere langlopende financiële verplichtingen | |||||
| - Andere afgeleide instrumenten via resultatenrekening | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| - Andere afgeleide instrumenten via andere componenten van het eigen vermogen | 0 | 1.248 | 0 | 1.248 | 1.248 |
| Kortlopende financiële schulden | |||||
| - Kredietinstellingen | 0 | 256.735 | 0 | 256.735 | 256.868 |
| - Andere | 0 | 82.813 | 0 | 82.813 |
Om de risico’s van een stijging van de vlottende rentevoet te beperken, heeft Nextensa NV zich voor haar leningen gedeeltelijk ingedekt door het afsluiten van de financiële producten hieronder:
Afdekking kasstromen (in 1.000 €)
| Type indekking | Notioneel bedrag | Kwalificatie IFRS | Looptijd | Rentevoet Paying leg | Rentevoet Receiving leg |
|---|---|---|---|---|---|
| SWAPS | |||||
| IRS-betaler | 95.000 | Cashflow hedges | 2025-2029 | -0,4% | 1,830% EUR 3M |
| IRS-betaler | 170.000 | Fair Value hedge | 2025-2028 | -0,515% | 1,205% EUR 3M |
| Totaal Notioneel bedrag | 265.000 | ||||
| CAPS | |||||
| 100.000 | Fair Value hedge | 2025 | 0,00% | - 0,24% | |
| Totaal Notioneel bedrag | 100.000 | ||||
| Fair Value hedge | 2026-2031 | 0,450% | - 2,813% EUR 3M | ||
| Totaal Notioneel bedrag | 400.000 |
Per einde boekjaar 2024 bedraagt het notioneel bedrag van de lopende netto payer IRS-contracten € 265 miljoen en de toekomstige payer IRS € 400 miljoen. De hedge ratio voor de investeringsportefeuille bedraagt eind 2024 61% (fix ratio 54%), in vergelijking met 79% (fix ratio 65%) eind 2023. De verhouding tussen de vlot rentende schulden van € 595.835 duizend en anderzijds de vaste rentedragende schuld (€ 122.500 duizend), de corresponderende IRS- afdekking (€ 265.000 duizend) en de lopende CAPS (€ 50.000 duizend), is de hedge positie en wordt dus berekend op basis van het notioneel bedrag van de op dat moment lopende actieve afdekkingen. Bij deze berekening wordt geen rekening gehouden met toekomstige afgeleide instrumenten, daar ze ook nog geen ‘bescherming’ bieden tegen stijgende rente op dat betrokken moment.
In volgende tabel wordt verduidelijkt hoe de hedge ratio en de fix ratio op afsluitingsdatum worden berekend. Van belang om hier nog te vermelden is dat de hedge ratio berekend werd voor het gedeelte van kredieten dat betrekking heeft op de investeringsportefeuille. Hiervoor werd een verdeelsleutel gebruikt dewelke de kredieten alloceert aan de vastgoedbeleggingen. De overige kredieten zijn dan per definitie projectinvesteringen voor dewelke het niet relevant is een hedge ratio te berekenen.
De afgeleide financiële instrumenten worden gewaardeerd aan hun reële waarde, die overeenstemt met de marked- to-market berekend door de financiële instellingen. Met betrekking tot IRSen, wordt voor een gedeelte aan hedge accounting gedaan en werd de efficiëntie van de indekkingen aangetoond en een ander gedeelte aan non-effective hedge accounting. Het betreffen kasstroomindekkingen enerzijds, waarbij de IRS Payer swaps als dekking dienen voor uitstaande kredietlijnen aan vlottende rente, inclusief uitgegeven commercial paper aan vlottende rentevoeten, die herprijsd worden op kortetermijnintervallen (typisch drie maand of minder). In de praktijk betekent dit dat het effectieve gedeelde door het eigen vermogen wordt geherwaardeerd en het niet-effectieve gedeelte door de resultatenrekening.
Het effectief deel van de kasstroomindekkingen wordt aan de “reserve voor het saldo van de variaties in de reële waarde van toegelaten afdekkingsinstrumenten die onderworpen zijn aan een afdekkingsboekhouding zoals gedefinieerd in IFRS” toegewezen en het niet effectief deel van de kasstroomindekkingen samen met de reële waarde indekkingen worden opgenomen in de “reserve voor het saldo van de variaties in de reële waarde van toegelaten afdekkingsinstrumenten die niet onderworpen zijn aan een afdekkingsboekhouding zoals gedefinieerd in IFRS”.
Berekening hedge ratio (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | |
|---|---|
| Nominaal bedrag van de uitstaande financiële verplichtingen exclusief accr. Interest in 000 € | A 718.335 |
| Nominaal bedrag van de vastrentende schulden in 000 € | B 122.500 |
| Nominaal bedrag van de financiële instrumenten IRS Payer in 000 € | C 265.000 |
| Nominaal bedrag van de financiële instrumenten IRS Receiver in 000 € | D 0 |
| Nominaal bedrag van de financiële instrumenten CAPS in 000 € | E 50.000 |
| Fix ratio ((B+C))/A | 54% |
| Hedge ratio (B+C+E-D)/A | 61% |
De reële waarde van de indekkingsinstrumenten op afsluitdatum is samengesteld als volgt:
Afgeleide financiële producten (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | ||
|---|---|---|---|
| Activa | Verplichtingen | Activa | |
| Interest Rate Swaps, Caps | 14.314 | -1.248 | 20.633 |
Het saldo van de activa (€ 14,3 miljoen) is voorgesteld onder de “Financiële vaste activa” (bijlage 20) en het saldo van de verplichtingen (- € 1,2 miljoen) is voorgesteld in de rubrieken “Andere langlopende verplichtingen”.
28.5 INFORMATIE BETREFFENDE HET BEHEER VAN DE FINANCIËLE RISICO’S
FINANCIEEL BEHEER
Het financieel beleid is gericht op het optimaliseren van de kosten van het kapitaal en het beperken van de financierings-, rente- liquiditeits-, kasstroom-, tegenpartij- en convenantenrisico. Wij verwijzen voor de toelichting met betrekking tot het beheer van de financiële risico’s, de mogelijke impact, de beperkende factoren en maatregelen naar de toelichting met betrekking tot de risico’s zoals beschreven onder de Risicofactoren, opgenomen in hoofdstuk 2.
SPECIFIEKE TOELICHTING
LIQUIDITEITSRISICO
Per 31 december 2024 is de gewogen resterende looptijd van de kredietenportefeuille die gealloceerd werd aan het investeringsvastgoed geëvolueerd van 2,31 jaar einde 2023 naar 1,98 jaar einde 2024. Voor een meer gedetailleerde presentatie van de looptijdanalyse verwijzen we naar de toelichting met betrekking tot de financiële schulden.
De gewogen resterende looptijd van de indekkingsproducten is gedaald van 2,95 jaar einde 2023 tot 2,68 jaar einde 2024. Het liquiditeitsrisico inherent aan het verschil in de gewogen resterende looptijden van de financiële verplichtingen en de afgeleide financiële verplichtingen wordt gemonitored in functie van de herfinancieringsverwachtingen van de kredietenportefeuille en de ingeschatte toekomstige extra financieringsbehoeftes binnen de vennootschap.
Het liquiditeitsrisico schuilt in het niet beschikbaar zijn van extra financiering om de vervaldagen in de kredietenportefeuille te herfinancieren of om extra kredietbehoeftes te ondervangen. Enerzijds wordt dit risico ondervangen door een evenwichtige spreiding van de kredietvervaldagen en door een diversificatie van de financieringsbronnen.
MARKTRISICO GEVOELIGHEIDSANALYSE
In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de verschillende type marktrisico’s waaraan de vennootschap is blootgesteld op het einde van de verslagperiode met de potentiële invloed van veranderingen in de verschillende risicovariabelen waaraan de vennootschap is blootgesteld op het eigen vermogen van de onderneming.
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 266
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 267
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 268
Inhoud • Profiel & Strategie • Jaarverslag • Duurzaamheidsverslag • Vastgoedverslag • Geconsolideerde financiële staten 2024 • Bijlagen 269
82.813 82.813 Andere kortlopende financiële verplichtingen - Andere afgeleide instrumenten via andere componenten van het eigen vermogen 0 0 0 Handelsschulden en andere kortlopende schulden - Handelsschulden 26.745 26.745 26.745 - Andere kortlopende schulden 6.601 6.601 6.601 Andere kortlopende verplichtingen 12.496 12.496 12.496 Overlopende rekeningen 21.229 21.229 21.229
Per einde 2023 (in 1.000 €) Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Boek-waarde Reële waarde
Financiële vaste activa - Deelnemingen in andere GVV's/vastgoedcertificaten 87.296 87.296 87.296 - Deelnemingen in geassocieerde vennootschappen en joint ventures 69.706 69.706 69.706 - Andere afgeleide instrumenten welke niet kwalificeren onder kasstroomindekkingen 0 0 0 - Andere afgeleide instrumenten die kwalificeren onder reële waardeindekkingen 20.633 20.633 20.633
Vorderingen financiële leasing 0 0 0 0
Vlottende activa Voorraden 102.079
Onderhanden werken in uitvoering 75.118
Handelsvorderingen 22.777 22.777 22.777
Belastingsvorderingen en andere vlottende activa 71.636 71.636 71.636
Kas en kasequivalenten 11.129 11.129 11.129
Overlopende rekeningen 3.257 3.257 3.257
Langlopende financiële schulden - Kredietinstellingen 457.345 457.345 457.345 - IFRS 16 2.318 2.318 2.318 - Andere 102.497 102.497 102.497
Andere langlopende financiële verplichtingen - Andere afgeleide instrumenten via resultatenrekening 0 0
- Andere afgeleide instrumenten via andere componenten van het eigen vermogen 436 436 436
Kortlopende financiële schulden - Kredietinstellingen 109.493 109.493 109.493
- Andere 126.297 126.297 126.297
Andere kortlopende financiële verplichtingen - Andere afgeleide instrumenten via andere componenten van het eigen vermogen 0 0 0
Handelsschulden en andere kortlopende schulden - Handelsschulden 26.046 26.046 26.046
- Andere kortlopende schulden 13.520 13.520 13.520
Andere kortlopende verplichtingen 11.571 11.571 11.571
Overlopende rekeningen 30.930 30.930 30.930
In concreto doet de vennootschap voor de waardering van de kredieten beroep op vergelijkbare marktgegevens zoals een benadering van de toegepaste referentievoet en een benadering van de evolutie van de kredietmarge op basis van recente vergelijkbare observaties. Met betrekking tot de afgeleide instrumenten werden de waarderingen van de diverse bancaire tegenpartijen overgenomen. Echter werden deze instrumenten onder niveau 2 geclassificeerd gezien we een CVA of een DVA berekenen op deze ontvangen waarderingen en dit op basis van marktgegevens die een benadering zijn van het kredietrisico. De waardering van de private obligatie is op basis van een benadering van een observeerbare CDS spread en de evolutie van de Euribor 6M.# Impact op het Eigen Vermogen
Wijziging marktrisico
DALING STIJGING
Geschatte huurwaarde
negatief positief
Inflatie
negatief positief
Kapitalisatievoet
positief negatief
Resterende looptijd huurcontract
negatief positief
Bezettingsgraad
negatief positief
Onderhoudskost
positief negatief
Rentevoeten financieringen
positief negatief
Overige
Financieringskosten
positief negatief
De gemiddelde financieringskost voor de financieringen aangegaan voor de investeringsportefeuille (exclusief de marked-to- market van de indekkingsinstrumenten) na hedging bedraagt eind 2024 2,86% (eind 2023: 2,67%). Een stijging van de vlottende rente met 100 bps zou gerekend met de huidige indekkingsgraad een impact hebben op de financiële lasten ten belope van € 3,5 miljoen.
HUURDERS- EN KREDIETRISICO
Er wordt naar gestreefd om de spreiding van de grote huurders en de sectoren waarin zij actief zijn te verbeteren, teneinde een zo gediversifieerd mogelijk huurdersrisico en huurinkomen te bekomen en daardoor de afhankelijkheid van de vennootschap t.o.v. het verdwijnen van een of meerder belangrijke huurders, wegens bijvoorbeeld opzeg van het huurcontract of faillissement, te beperken. De top 10 van de belangrijkste huurders bedraagt ongeveer 21%. De spreiding van de huurdersportefeuille naar sectoren blijft goed. De kredietwaardigheid van onze huurdersportefeuille blijft nog steeds zeer goed, wat gestaafd wordt door het feit dat Nextensa NV zowel in België als in het Groothertogdom Luxemburg en Oostenrijk de laatste jaren geen significante waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen heeft gekend. Voor een analyse van de openstaande klantenvorderingen verwijzen we naar bijlage 24.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
270
BIJLAGE 29
HANDELSSCHULDEN EN ANDERE KORTLOPENDE SCHULDEN
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Leveranciers | 26.745 | 26.046 |
| Te betalen BTW | 3.584 | 4.278 |
| Belastingen, bezoldigingen en sociale lasten | 3.017 | 9.241 |
| Totaal | 33.346 | 39.565 |
De openstaande leveranciers zijn gestegen naar € 26,7 miljoen.
BIJLAGE 30
ANDERE KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN
De rubriek omvat de nog te betalen dividenden, voorzieningen met betrekking tot huurgaranties, de in geld ontvangen huurwaarborgen en rekening couranten.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
271
BIJLAGE 31
OVERLOPENDE REKENINGEN - PASSIVA
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Vooraf ontvangen vastgoedopbrengsten | 10.860 | 11.992 |
| Gelopen, niet vervallen interesten en andere kosten | 10.369 | 8.185 |
| Andere | 0 | 10.753 |
| Totaal | 21.229 | 30.930 |
De overlopende rekeningen passiva betreffen onder andere de reeds ontvangen huren met betrekking tot 2025 en interestkosten.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
272
BIJLAGE 32
UITGESTELDE BELASTINGEN
Uitgestelde belastingsvorderingen en -verplichtingen opgenomen in de balans (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Vastgoedbeleggingen | -30.284 | -35.388 |
| Aanpassing landpositie | -17.111 | -17.267 |
| Aangehouden derivaten | -4.294 | -4.854 |
| Onderhanden werken in uitvoering | -1.190 | -811 |
| Retail Estates | -714 | -2.504 |
| Fiscale verliezen | 12.740 | 8.615 |
| Overige | 3.624 | 1.225 |
| Leasing (IFRS) | 41 | 41 |
| Totaal | -37.188 | -50.943 |
De uitgestelde belastingen ten belope van € 37,2 miljoen (€ 47,1 M staat opgenomen als uitgestelde belastingverplichting en € 9,9 M als uitgestelde belastingsvordering) hebben voornamelijk betrekking op het erkennen van een uitgestelde belastingsverplichting op de vastgoedbeleggingen. Dit betreft het verschil tussen de nettoboekwaarde en de reële waarde. De geboekte impact in de resultatenrekening bedraagt een inkomst van € 11,8 M per 31 december 2024.
Niet erkende belastingsvorderingen (in 1.000 €)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Niet erkende uitgestelde belastingsvorderingen nav fiscale verliezen | 6.974 | 7.917 |
| Niet erkende uitgestelde belastingsvorderingen - overige | 0 | 21 |
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
273
Sheds - België
De Pillar Two-wetgeving is van kracht vanaf het huidige boekjaar dat begint op 1 januari 2024. De Pillar Two-wetgeving is ingevoerd of substantieel ingevoerd in bepaalde rechtsgebieden waarin de Nextensa-groep actief is (bijv. België). Ackermans & van Haaren NV (AvH NV) is de Ultimate Parent Entity (‘UPE’) voor Pillar Two-doeleinden van de entiteiten van de Nextensa-groep. Deze entiteiten vallen daarom onder de gevolgen van Pillar Two die van toepassing zijn op de AvH-groep. Omdat de Nextensa-groep deel uitmaakt van de AvH-groep, moet de impact van Pillar Two worden beoordeeld op het niveau van de AvH-groep. Op basis van de beoordeling door de AvH-groep heeft de AvH-groep een blootstelling aan Pillar Two-aanvullende belastingen geïdentificeerd in bepaalde rechtsgebieden. Volgens de ingevoerde wetgeving is de AvH-groep in principe verplicht om, in België of in het betreffende rechtsgebied, aanvullende belasting te betalen over de winsten van haar entiteiten die worden belast tegen een effectief belastingtarief van minder dan 15 procent. Voor 2024 bedraagt de totale impact van deze belastingen op het netto geconsolideerde inkomen van de AvH-groep 0,5 miljoen euro. Deze beoordeling is gebaseerd op de meest recente beschikbare informatie over de financiële prestaties van de entiteiten in de AvH-groep, namelijk de Country-by-Country Reporting 2024 en de geconsolideerde jaarrekeninggegevens 2024. De belangrijkste rechtsgebieden met blootstelling aan Pillar Two-aanvullende belastingen zijn Mexico, Verenigde Arabische Emiraten, Saoedi-Arabië en Spanje. Aangezien de Nextensa-groep geen entiteiten in deze rechtsgebieden heeft, ontstaat er geen aanvullende belastingverplichting in de cijfers van Nextensa per eind december 2024. Nextensa heeft de verplichte tijdelijke uitzondering toegepast op de boekhouding en openbaarmaking van uitgestelde belastingen die voortvloeien uit de implementatie van de Pillar Two-modelregels in de verschillende rechtsgebieden.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
274
BIJLAGE 33
TRANSACTIES MET VERBONDEN PARTIJEN
Er vonden geen transacties met verbonden partijen plaats die buiten de normale marktvoorwaarden vielen. Wat betreft de vergoeding aan de commissaris: er is een overzicht gegeven van de audit- en niet-auditdiensten geleverd tijdens het boekjaar 2024 in hoofdstuk 2 Jaarverslag. Er wordt, zoals in het remuneratieverslag, op individuele basis enkel de remuneratie van de CEO weergegeven, en op globale basis de remuneratie van de overige leden van het executief comité. Het executief comité wordt gevormd door de heer Michel van Geyte (via Midhan BV), CEO van Nextensa NV, de heer Tim Rens (via Montevini BV), CFO,de heer Olivier Vuylsteke (via WIMAS BV), CIO en de heer Peter De Durpel (via Durabel Consulting BV), COO. Ze ontvingen voor het voorbije boekjaar de volgende bedragen:
| (in€) | Vast | Verzekering | Voordelen in natura | Variabel | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Michel Van Geyte | 451.586 | 22.130 | 0 | 200.000 | 673.716 |
| Andere leiders | 813.800 | 0 | 0 | 250.000 | 1.063.800 |
| Totaal | 1.265.386 | 22.130 | 0 | 450.000 | 1.737.516 |
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
275
BIJLAGE 34
CONSOLIDATIEKRING
Nevenstaande dochterondernemingen worden allemaal in de consolidatiekring opgenomen met toepassing van de integrale consolidatiemethode. Deze bestaat erin om zowel de activa als de verplichtingen, als de resultatenrekening van de dochterondernemingen integraal op te nemen. De minderheidsbelangen worden via een aparte rubriek in de balans en resultatenrekening opgenomen. De geconsolideerde jaarrekening is opgemaakt op dezelfde datum als die waarop de dochterondernemingen hun jaarrekening opmaken.
| Naam & adres van de administratieve zetel | Land van oosprong/vestiging | Rechtstreeks of onrechtstreeks deel van het kapitaal in bezit en stemrechten (in%) | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|---|---|
| AE Starvilla Sieben GmbH & Co OG | Austria | 100% | 100% | 100% |
| Leasinvest Immo Austria GmbH | Austria | 100% | 100% | 100% |
| Kadmos Immobilien Leasing GmbH | Austria | 100% | 100% | 100% |
| Leasinvest Gewerbeparkstrasse 2 Stadlau GmbH | Austria | 100% | 100% | 100% |
| Vösendorf Nordring 2-10 Vermietungsgesellschaft m.b.H | Austria | 100% | 100% | 100% |
| Vösendorf Nordring 16 Vermietungsgesellschaft m.b.H | Austria | 100% | 100% | 100% |
| Leasinvest Services NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Haven Invest NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Extensa NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Extensa Group NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Extensa Development NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Gare Maritime NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Implant NV | Belgium | 0% | 100% | 100% |
| Project T&T NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| RFD NV | Belgium | 0% | 100% | 100% |
| T&T Douanehotel NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| T&T Openbaar Pakhuis NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| T&T Parking NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| T&T Tréfonds NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Tour & Taxis Services NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| T&T Property Management BV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Vilvolease NV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Extensa Invest I NV | FIIS Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Monteco BV | Belgium | 100% | 100% | 100% |
| Montoyer 24 NV | Belgium | 100% | 0% | 0% |
| Leasinvest Immo Lux SA | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| EBBC A Sarl | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| EBBC C Sarl | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| Green Offices Monterey S.à.r.l. | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| Retail South S.à.r.l. | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| Boomerang Strassen S.à.r.l. | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| Leasinvest Offices Luxemburg S.à.r.l. | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| RDA 110 S.à.r.l. | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| Nextensa Pommerloch S.à.r.l. | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| Nextensa Schmiede S.à.r.l. | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| Beekbaarimo SA | GD Luxembourg | 100% | 100% | 100% |
| Grossfeld Developments S.àr.l. | GD Luxembourg | 50% | 100% | 100% |
| RFD CEE Venture Capital BV | The Netherlands | 0% | 100% | 100% |
| AdHoc S.à.r.l. | # BIJLAGE 35 GEZAMENLIJKE OPERATIES |
De groep heeft een belangrijke gezamenlijke operatie met Gasperich Invest, opgericht op 26 juli 2019 en heeft een 54,05% aandeel in het resultaat uit huurinkomsten en verkoop van vastgoed van Gasperich Invest welk dient als financiering voor Grossfeld PAP SA SICAV-RAIF.naar € 26,7 miljoen.
BIJLAGE 36 INVESTERINGSVERBINTENISSEN
De op de verslagdatum aangegane maar nog niet gedane investeringen en andere uitgaven luiden als volgt:
| Investeringsverbintenissen (in 1.000 €) | 31/12/2024 | 31/12/2023 |
|---|---|---|
| Cloche d'Or | 5.210 | 8.672 |
| Zone C - Park Lane | 6.350 | 8.643 |
| Zone AB - Lake Side | 291 | 2.451 |
| Totaal | 11.851 | 19.766 |
De financiële behoeften voor de verplichtingen voor de residentiële vastgoedontwikkelingen, zullen voornamelijk worden vervuld door de opbrengsten van klanten.
BIJLAGE 37 BELANGRIJKE GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM
Op 13 februari 2025 werden beide Knauf Shoppingcenters (Knauf Pommerloch & Knauf Schmiede) verkocht aan de groep Wereldhave voor een totaalbedrag van € 165,75 M. Doordat Nextensa zich steeds meer wenst te profileren als een gemengde ontwikkelaar/investeerder van binnenstedelijke, duurzame projecten, werden deze shoppingcentra steeds minder strategisch voor de groep. Bovendien wordt zo de netto schuldpositie van Nextensa stevig afgebouwd, zodat volop ingezet kan worden op nieuwe projecten. Een deel van de verkoopprijs werd betaald in aandelen van Wereldhave N.V., die werden doorgeplaatst bij derde investeerders. Nextensa heeft deze shoppingcentra verkocht aan een gemiddelde verkoopsyield van 7,60%, wat marktconform is maar wat een minwaarde ten opzichte van de reële waarde van € 29 M (dewelke reeds verwerkt werd in het resultaat per eind 2024) betekent en dus ook een rechtstreeks negatief effect heeft op het netto resultaat (vervat in de lijn “herwaardering van vastgoedbeleggingen”).
Cloche d’Or - Luxemburg
Montree - Luxemburg
In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Nextensa NV (de “vennootschap”) en haar filialen (samen “de groep”), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening alsook de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt één geheel en is ondeelbaar. Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 21 mei 2024, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2026. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Nextensa NV voor de eerste maal uitgevoerd gedurende de huidige verslagperiode.
Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering van Nextensa NV over het boekjaar afgesloten op 31 december 2024 - Geconsolideerde jaarrekening
Park Lane - België
Oordeel zonder voorbehoud
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2024 omvat, alsook de geconsolideerde staat van gerealiseerde en niet- gerealiseerde resultaten, de andere elementen van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, de geconsolideerde staat van wijzigingen in kapitaal en reserves en de geconsolideerde kasstroomtabel over het boekjaar afgesloten op die datum en de toelichting, met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing, waarvan het totaal van het geconsolideerd balanstotaal 1 699 924 (000) EUR bedraagt en waarvan de geconsolideerde resultatenrekening afsluit met een verlies van het boekjaar van 10 827 (000) EUR.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de groep op 31 december 2024 alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
Basis voor het oordeel zonder voorbehoud
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA’s) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie “Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening” van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid. Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen. Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Verslag over de geconsolideerde jaarrekening
Kernpunten van de controle
Waardering van de vastgoedbeleggingen
De vastgoedbeleggingen vertegenwoordigen 62% van de activa van de Groep. Op 31 december 2024 zijn deze terug te vinden onder de rubriek ‘vastgoedbeleggingen’ van het actief van de balans voor een totaalbedrag van 1 049 325 (000) EUR. Overeenkomstig de waarderingsregels en de IAS 40 norm “Vastgoedbeleggingen” worden deze vastgoedbeleggingen gewaardeerd tegen de reële waarde, en worden de reële waarde- wijzigingen opgenomen in de resultatenrekening. De reële waarde van deze vastgoedbeleggingen wordt geclassificeerd onder niveau 3 van de reële waarde hiërarchie zoals gedefinieerd onder de IFRS 13 norm “De waardering tegen reële waarde”. Bepaalde hypotheses die gebruikt worden voor de waardering zijn gebaseerd op data die slechts beperkt waarneembaar zijn (verdisconteringsvoet, toekomstige bezettingsgraad,..) en vereisen daarom een inschatting vanwege het management. Het auditrisico ligt in de waardering van deze vastgoedbeleggingen en is daarom een kernpunt van onze controle.
Hoe onze controle de kernpunten van de controle behandelde
De Groep maakt gebruik van externe deskundigen om de reële waarde van zijn gebouwen te schatten. We hebben (met de hulp van onze eigen interne waarderingsdeskundigen) de waarderingsverslagen van deze externe deskundigen geëvalueerd. Specifiek hebben we:
* de interne beheersmaatregelen van het management beoordeeld en het ontwerp en de implementatie van interne controles in het domein van vastgoedbeleggingen getest;
* de objectiviteit, onafhankelijkheid en competentie van de externe deskundigen geanalyseerd;
* de integriteit van de belangrijkste brongegevens (contractuele huurprijs, duur van de huurovereenkomsten, ...) die gebruikt worden in hun berekeningen nagegaan en afgestemd met onderliggende contracten voor een steekproef; en
* de modellen en hypotheses beoordeeld die in hun verslagen zijn gebruikt (verdisconteringsvoet, toekomstige bezettingsgraden, …) voor een steekproef.
Tenslotte hebben we de geschiktheid van de informatie over de reële waarde van de vastgoedbeleggingen in bijlage 15 van de Geconsolideerde Jaarrekening beoordeeld.
Kernpunten van de controle
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.
Omzeterkenning en boekhoudkundige verwerking van ontwikkelingsprojecten
De Groep heeft 56 372 (000) EUR aan omzet ontwikkelingsprojecten en 51 257 (000) EUR aan kosten ontwikkelingsprojecten erkend voor het boekjaar 2024. Bovendien activeert de Groep kosten van ontwikkelingsprojecten als “onderhanden werken in uitvoering” over de levensduur van de projecten. Deze “onderhanden werken in uitvoering” bedragen 60 891 (000) EUR per 31 december 2024. De waardering van de grondposities en de gemaakte bouwkosten voor ontwikkelingsprojecten zijn gebaseerd op de historische kostprijs of lagere netto realisatiewaarde. De beoordeling van de netto realisatiewaarden omvat veronderstellingen met betrekking tot toekomstige marktontwikkelingen, beslissingen van overheidsinstanties, verdisconteringsvoeten en toekomstige veranderingen in kosten en verkoopprijzen. Deze schattingen hebben betrekking op verschillende elementen en zijn gevoelig voor gehanteerde scenario’s en assumpties en houden als zodanig een significant oordeel in van het management.# Inhoudsopgave
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
283
Paragraaf inzake een overige aangelegenheid
De geconsolideerde jaarrekening over het vorige boekjaar werd gecontroleerd door een andere commissaris die hierover een verklaring zonder voorbehoud heeft afgeleverd.
Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS Accounting Standards) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA’s is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na dat van toepassing is op de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België. De wettelijke controle biedt geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de vennootschap, noch van de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de vennootschap ter hand heeft genomen of zal nemen.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA’s, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel- kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
- het identificeren en inschatten van de risico’s dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico’s inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
- het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de groep;
- het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door het bestuursorgaan gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen;
- het concluderen dat de door het bestuursorgaan gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de groep om haar continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de groep haar continuïteit niet langer kan handhaven;
- het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld;
- het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening.
Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.
Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle. Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die aan het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
284
Inhoudsopgave
- Profiel & Strategie
- Jaarverslag
- Duurzaamheidsverslag
- Vastgoedverslag
- Geconsolideerde financiële staten 2024
- Bijlagen
285
Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de verklaring van niet- financiële informatie gehecht aan dit jaarverslag en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening.# Verantwoordelijkheden van de commissaris
In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA’s), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de verklaring van niet-financiële informatie gehecht aan dit jaarverslag en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen in de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening, zijnde: de vereiste onderdelen van het jaarverslag van Nextensa NV overeenkomstig artikel 3:6 en 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen zoals weergegeven in de volgende hoofdstukken van het jaarrapport: ‘1.2. Kerncijfers 2024’, ‘2.2 Toelichting bij de geconsolideerde resultatenrekening’, ‘2.4 Corporate Governance Verklaring’ en ‘2.13 risicofactoren’ een afwijking van materieel belang bevatten, hetzij informatie die onjuist vermeld of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, hebben wij geen afwijking van materieel belang te melden.
De niet-financiële informatie zoals vereist op grond van artikel 3:32, § 2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, werd opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. De vennootschap heeft zich bij het opstellen van deze niet-financiële informatie gebaseerd op het internationaal erkende referentiemodel. Overeenkomstig artikel 3:80 § 1, 5° van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen spreken wij ons niet uit over de vraag of deze niet-financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met dit internationaal erkende referentiemodel.
Overige door wet- en regelgeving gestelde eisen
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
286
Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid
Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de groep. De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle bedoeld in artikel 3:65 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.
Europees uniform elektronisch formaat (ESEF)
Wij hebben ook, overeenkomstig de ontwerpnorm inzake de controle van de overeenstemming van de financiële overzichten met het Europees uniform elektronisch formaat (“ESEF”), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat en de markeertaal met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 (“Gedelegeerde Verordening”).
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen, in overeenstemming met de ESEF vereisten, van de geconsolideerde financiële overzichten in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat (“digitale geconsolideerde financiële overzichten”) opgenomen in het jaarlijks financieel verslag. Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwende informatie te verkrijgen om te concluderen dat het formaat en de markeertaal van de digitale geconsolideerde financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening. Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het formaat van en de markering van informatie in de digitale geconsolideerde financiële overzichten opgenomen in het jaarlijks financieel verslag van Nextensa NV per 31 december 2024 in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
Andere vermeldingen
Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.
Getekend te Antwerpen.
De commissaris
Deloitte Bedrijfsrevisoren BV
Vertegenwoordigd door Ben Vandeweyer
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
287
bijlagen
6 Moonar - Luxemburg
BIJLAGE 1 LEXICON ALTERNATIEVE PRESTATIEMAATSTAVEN
Sinds 3 juli 2016 zijn de richtlijnen “Alternative Performance Measures (APM)” van de “European Securities Markets Authority” (ESMA) van kracht. Voor de definitie en de gedetailleerde berekening van de gehanteerde Alternatieve Prestatiemaatstaven verwijzen we naar Bijlage III bij dit verslag.
BADWILL
Badwill of negatieve goodwill is gelijk aan het bedrag waarmee het belang van de overnemende partij in de reële waarde van de overgenomen identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, de kostprijs van de bedrijfscombinatie op datum van de transactie overschrijdt.
BEZETTINGSGRAAD
De bezettingsgraad houdt rekening met alle gebouwen, behoudens deze opgenomen onder ‘activa bestemd voor verkoop’ en ‘projectontwikkelingen’, en wordt berekend in functie van de geschatte huur als volgt: (geschatte huur – geschatte huur op leegstand)/ geschatte huur.
CAP
Financieel instrument van het optie-type, waarbij het onderliggende, in het geval van Nextensa, de korte-termijnrente is. Als koper, heeft Nextensa het recht verworven om tijdens een voorafbepaalde periode van haar optie gebruik te maken. Op dat moment betaalt Nextensa de geplafonneerde rente (= CAP) in plaats van de (hogere) kortetermijnrente. Voor de verwerving van dit recht betaalt de koper een premie aan de verkoper. Via deze rente-indekking, is Nextensa ingedekt tegen ongunstige rentestijgingen.
CODE 2020
De Belgische Corporate Governance Code die op 9 mei 2019 werd gepubliceerd door de Corporate Governance Commissie. De code bevat de aanbevelingen inzake deugdelijk bestuur die Belgische genoteerde vennootschappen moeten naleven. Deze Code is beschikbaar op de website www.corporategovernancecommittee.be.
Inhoud
* Profiel & Strategie
* Jaarverslag
* Duurzaamheidsverslag
* Vastgoedverslag
* Geconsolideerde financiële staten 2024
* Bijlagen
289
CONTRACTUELE HUUR OP JAARBASIS
De geïndexeerde basishuurprijzen zoals contractueel bepaald in de huurovereenkomsten per 31/12/2024.
CORPORATE GOVERNANCE
Deugdelijk beheer van de onderneming. Deze principes, zoals transparantie, integriteit en evenwicht tussen de verantwoordelijken steunen op de aanbevelingen van de Code 2020.
DIVIDENDRENDEMENT
Bruto dividend / slotkoers van het betreffende boekjaar.
DUURTIJD
Gewogen gemiddelde looptijd van de huurcontracten, waarbij het gewicht gelijk is aan de verhouding van de huuropbrengst tot de totale huuropbrengsten van de portefeuille.
FLOOR
Financieel instrument van het optie-type, waarbij het onderliggende, in het geval van Nextensa, de kortetermijnrente is. Als verkoper heeft Nextensa de verplichting om, tijdens een vooraf bepaalde periode, de floor (minimumrente) te leveren. In ruil hiervoor ontvangt Nextensa als verkoper een premie van de koper. De ontvangen premie op de floor beperkt op die manier de te betalen premie op de CAP.
FREE FLOAT
De free float is het aantal aandelen dat vrij op de beurs circuleert en dus niet in vaste handen is.
GOODWILL
Goodwill is gelijk aan het bedrag waarmee de kostprijs van de bedrijfscombinatie op datum van de transactie het belang in de reële waarde van de overgenomen identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de overnemende partij overschrijdt.
IAS-NORMEN
De internationale boekhoudnormen (IAS, International Accounting Standards / IFRS, International Financial Reporting Standards) zijn opgesteld door de International Accounting Standards Board (IASB), die de internationale normen voor het opstellen van jaarrekeningen uitwerkt. De beursgenoteerde vennootschappen in Europa moeten deze regels in hun geconsolideerde rekeningen toepassen voor de boekjaren die beginnen vanaf 01/01/2005. Nextensa past deze regels sinds het boekjaar beginnend op 01/07/2006 ook toe op haar enkelvoudige jaarrekening.
INTEREST RATE SWAP
Financieel instrument waarbij partijen contractueel overeenkomen interestbetalingen uit te wisselen over een bepaalde periode. Het laat toe aan partijen om vaste rentevoeten te ruilen voor vlottende rentevoeten en vice versa.
INVESTERINGSWAARDE
De investeringswaarde is de waarde zoals bepaald door een onafhankelijke vastgoeddeskundige en waarvan de mutatiekosten nog niet zijn afgetrokken.
KEUZEDIVIDEND
Bij een keuzedividend wordt de mogelijkheid geboden aan de aandeelhouders om hun schuldvordering, die ontstaat uit de winstuitkering, in te brengen in het kapitaal van de vennootschap, tegen de uitgifte van nieuwe aandelen (naast de keuzemogelijkheid om het dividend in cash te ontvangen, en de keuzemogelijkheid om te opteren voor een combinatie van beide voorgaande opties), aan een uitgifteprijs per aandeel die desgevallend een korting ten opzichte van de beurskoers kan inhouden.LIQUIDITY PROVIDER
Liquidity providers zijn leden van Euronext die met Euronext een overeenkomst hebben afgesloten waarin onder meer de verplichting is opgenomen om continu een tweezijdige, uit bied- & laatkoersen bestaande, markt te stellen, een minimale omzet te garanderen en bovendien de markt te stellen binnen een maximale bandbreedte of ‘spread’.
NETTO-ACTIEFWAARDE (NAW) PER AANDEEL
NAV (Net Asset Value) = eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders van de moedervennootschap gedeeld door het aantal aandelen (met uitsluiting van het aantal eigen aandelen op geconsolideerd niveau).
OPNAME (TAKE-UP)
Het totaal aantal vierkante meters die worden verhuurd in de vastgoedmarkt.
REËLE WAARDE
De reële waarde (‘fair value’) is de investeringswaarde zoals bepaald door een onafhankelijke vastgoeddeskundige en waarvan de mutatiekosten zijn afgetrokken; de reële waarde is de boekwaarde onder IFRS.
SCHULDGRAAD
De schuldgraad zijn de financiële schulden gedeeld door het balanstotaal.
VELOCITEIT
Geeft weer hoeveel aandelen er op jaarbasis verhandeld worden of met andere woorden het verhandeld jaarvolume gedeeld door het totaal aantal genoteerde aandelen.
WVV
Het Belgische Wetboek van vennootschappen en verenigingen van 23 maart 2019.
Reconciliatietabellen van de alternatieve prestatiemaatstaven (APM’s) die worden gehanteerd door Nextensa
Nextensa NV hanteert in de presentatie van de financiële resultaten een aantal Alternatieve Prestatiemaatstaven (APM’s) in overeenstemming met de richtlijnen van de Europese Autoriteit van de Financiële Markten (ESMA; European Securities and Markets Authority) van 5 oktober 2015. Deze APM’s worden als gangbaar beschouwd binnen de sector ten einde een beter inzicht te verschaffen in de gerapporteerde financiële resultaten en prestaties. Maatstaven gedefinieerd door IFRS of fysieke of niet- financiële maatstaven worden niet als APM beschouwd. De ESMA richtsnoeren zijn bovendien niet van toepassing op de APM’s die worden gerapporteerd in de financiële overzichten of die worden gerapporteerd in overeenstemming met de geldende wetgeving.
BIJLAGE 2 ALTERNATIVE PERFORMANCE MEASURES
Netto resultaat - aandeel groep (bedrag per aandeel)
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Netto Resultaat - aandeel groep (€ 1.000) | -10.827 | 24.492 |
| Aantal geregistreerde aandelen in omloop op afsluitdatum | 10.171.130 | 10.002.102 |
| Netto Resultaat - aandeel groep per aantal aandelen op afsluitdatum | -1,06 | 2,45 |
| Aantal dividendgerechtigde aandelen in omloop op afsluitdatum | 10.106.130 | 9.937.102 |
| Netto Resultaat - aandeel groep per aantal dividendgerechtigde | -1,07 | 2,46 |
| aandelen op afsluitdatum |
Netto-ActiefWaarde op basis van reële waarde
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders van de moedervennootschap (€ 1.000) | 812.487 | 834.048 |
| Aantal geregistreerde aandelen in omloop op afsluitdatum | 10.171.130 | 10.002.102 |
| Netto-actiefwaarde (RW) aandeel groep per aantal aandelen op afsluitdatum | 79,88 | 83,39 |
Netto-ActiefWaarde op basis van investeringswaarde
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders van de moedervennootschap (€ 1.000) | 812.487 | 834.048 |
| Investeringswaarde van de vastgoedbeleggingen per 31/12 (€ 1.000) | 1.238.514 | 1.323.221 |
| Reële waarde van de vastgoedbeleggingen per 31/12 (€ 1.000) | 1.215.075 | 1.298.074 |
| Verschil Investeringswaarde - Reële waarde per 31/12 (€ 1.000) | 23.439 | 25.147 |
| TOTAAL | 835.926 | 859.195 |
| Aantal geregistreerde aandelen in omloop op afsluitdatum | 10.171.130 | 10.002.102 |
| Netto-actiefwaarde (IW) aandeel groep per aantal aandelen op afsluitdatum | 82,19 | 85,90 |
Gemiddelde financieringskost in %
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Interestkosten op jaarbasis (€ 1.000) | -20.473 | -17.756 |
| Commitment fees op jaarbasis (€ 1.000) | -352 | -383 |
| Betaalde intresten incl. commitment fees op | -20.825 | -18.138 |
| jaarbasis (€ 1.000) | ||
| Gemiddelde gewogen uitstaande schuld (€ 1.000) | 728.203 | 678.820 |
| Gemiddelde financieringskost in % | 2,86% | 2,67% |
Financiële schuldgraad in %
| 31/12/2024 | 31/12/2023 | |
|---|---|---|
| Financiële schulden | 771.610 | 797.949 |
| Balanstotaal | 1.699.924 | 1.781.289 |
| Financiële schuldgraad in % | 45,39% | 44,80% |
IDENTITEITSKAART NEXTENSA
| Rechtsvorm | Naamloze vennootschap |
| Zetel | Gare Maritime, Picardstraat 11 bus 505, 1000 Brussel, België |
| Contactinfo | +32 2 882 10 00 |
| [email protected] | |
| Web | www.nextensa.eu |
| RPR | Brussel |
| ISIN | BE0003770840 |
| LEI | 549300BPHBCHEODTG670 |
| BTW | BE 0436.323.915 |
| Duur | Onbepaalde duur |
| Boekjaar | 1 januari – 31 december |
| Notering | Euronext Brussels, BEL |
| Liquidity provider | Small Bank Degroof Petercam |
| Commissaris | Deloitte Bedrijfsrevisoren BV, vertegenwoordigd door bedrijfsrevisor Ben Vandeweyer, Luchthaven Brussel Nationaal 1 J, 1930 Zaventem |