AI assistant
Ontex Group NV — Earnings Release 2022
Jul 29, 2022
3985_ir_2022-07-29_17be116a-d5e7-4d0b-9e68-d8bf91e00f59.pdf
Earnings Release
Open in viewerOpens in your device viewer

Ontex resultaten van het tweede kwartaal en het eerste halfjaar van 2022:
- Succesvolle uitvoering van de strategische prioriteiten met stijging van de omzet, structurele kostenverlaging en desinvesteringen, inclusief een akkoord over de verkoop van de Mexicaanse activiteiten
- Sterke omzetgroei van 15% LFL, aangedreven door volume mix en prijszetting, overstijgt de markt voor retailmerken, die profiteert van een gedragsverandering van consumenten
- Ongekende kosteninflatie bleef de recurrente EBITDA negatief beïnvloeden, ondanks besparingen, volumegroei en prijsverhoging
- Winst per aandeel beïnvloed door bijzondere waardeverminderingen na portfoliowijzigingen
- Omzet en recurrente EBITDA-marge in tweede jaarhelft verwacht progressief te stijgen, aangedreven door voortgezette prijszetting en kostenvermindering
Resultaten van het eerste halfjaar van 2022
- De inkomsten [1] van de voortgezette bedrijfsactiviteiten (Core Markets) waren €781 miljoen, een stijging 12% LFL, dankzij een volumemixgroei van 8,1% en een algemene prijsstijging van +3,5%. De sterke stijging wijst op een ommekeer in de omzet van Ontex na verscheidene jaren van organische omzetstagnatie of -daling.
- De recurrente EBITDA[1] van de voortgezette bedrijfsactiviteiten (Core Markets) was €40 miljoen, een daling met 53% op jaarbasis, waarbij de omzetgroei goed was voor €51 miljoen en de brutobesparingen € 29 miljoen bedroegen. Deze werden meer dan tenietgedaan door het negatieve effect van de inflatie van de grondstofprijzen en bedrijfskosten voor (124) miljoen euro. De recurrente EBITDA-marge daalde daardoor tot 5,1%, een daling met 7,2pp op jaarbasis.
- De totale omzet van de Groep, inclusief de beëindigde bedrijfsactiviteiten van Emerging Markets, bedroegen €1.152 miljoen, een stijging met 15% LFL, dankzij 6.6% volume/mixstijging en 8.4% prijsverhoging, terwijl de recurrente EBITDA uitkwam op €49 miljoen, een daling met 51% jaar op jaar. De resulterende EBITDA-marge van 4,3% was 6,0pp lager op jaarbasis, en omvat een sequentiële margeverbetering voor Emerging Markets van 2,7pp ten opzichte van het tweede halfjaar van 2021.
- De aangepaste winst per aandeel uit voortgezette bedrijfsactiviteiten bedroeg €(0,14) vergeleken met € 0,27 in de eerste jaarhelft van 2021. De gewone winst per aandeel, inclusief eenmalige kosten en winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten, bedroeg €(2,08) vergeleken met €0,09 in H1 2021. De delta is bijna volledig toe te schrijven aan non-cash waardeverminderingen geboekt op de Russische en Mexicaanse activa van respectievelijk €(84) en €(60) miljoen.
- De vrije kasstroom bedroeg €(59) miljoen, vergeleken met €(22) miljoen vorig jaar, als gevolg van een lagere EBITDA, een hogere uitstroom van werkkapitaal en licht hogere investeringen.
- De nettoschuld voor de totale Groep bedroeg € 826 miljoen eind juni, een stijging met € 101 miljoen over het halfjaar, maar licht beter ten opzichte van maart, dankzij de instroom van werkkapitaal. De hefboomratio steeg van 4,2x tot 6,8x.
Citaat van de CEO
Esther Berrozpe, CEO van Ontex, verklaarde: "We verwezenlijken de strategische prioriteiten van de Groep: de omzet herstellen, de kostenbasis verlagen en desinvesteringen doorvoeren om de nettoschuld te verminderen en de groep te heroriënteren. De ongeziene inflatiedruk en de verstoring van de toeleveringsketen hebben onze recurrente EBITDA zwaar geïmpacteerd. We zullen dus onze prijzen dus de prijszetting versnellen om deze negatieve impact te verlichten. De omzetgroei en de lagere kostenbasis zullen een belangrijke motor zijn voor het herstel van de marges en de waardecreatie zodra het grondstoffenklimaat verbetert."
[1] Reported P&L figures, except for profit, represent continuing operations, i.e. Core Markets, only. As from 2022, Emerging Markets, representing 30% of revenue in 2021, are reported as assets held for sale and discontinued operations, following the strategic decision to divest these businesses.
Resultaten van het 2de kwartaal van 2022
- De Inkomsten [1] van Core Markets bedroegen 396 miljoen euro, een stijging met 10% LFL, inclusief 5,1% volumegroei/mixgroei en 5,3% hogere prijzen. Met een stijging van 2,9% ten opzichte van het eerste kwartaal betekent dit vijf opeenvolgende kwartalen van sequentiële groei.
- De recurrente EBITDA [1] bedroeg € 19 miljoen, een daling met 57% op jaarbasis en 10% op kwartaalbasis. De omzet droeg €32 miljoen en de brutobesparingen € 17 miljoen bij aan de jaar-op-jaarevolutie, en compenseerde deels de negatieve impact van de inflatie van de grondstof- en operationele kosten van €(76) miljoen. De recurrente EBITDAmarge daalde daardoor tot 4,8%, een daling met -7,8pp tegenover het tweede kwartaal van 2021, en met -0,7pp sequentieel tegenover het eerste kwartaal van 2022, omdat de geopolitieke context de inputkosten sequentieel verder opdreef, meer dan de prijzen werden verhoogd.
- De totale omzet van de Groep, inclusief de beëindigde Emerging Markets, bedroeg €598 miljoen, een stijging met 15% LFL, dankzij een 10% verhoging van prijzen en 4,3% van volume/mix. De recurrente EBITDA kwam uit op €25 miljoen, een daling met 52% jaar-op-jaar, maar een lichte stijging kwartaal-op-kwartaal, wat wijst op een stabilisatie op Groepsniveau. De resulterende EBITDA-marge van 4,1% was 6,1pp lager dan in het tweede kwartaal van 2021 en 0,3pp sequentieel lager dan in het eerste kwartaal van 2022.
Vooruitzichten
Het onzekere geopolitieke klimaat en de daaruit voortvloeiende volatiele inflatoire macro-economische situatie blijven aanhouden, waardoor de zichtbaarheid laag blijft. Op voorwaarde dat het marktmomentum aanhoudt en de inflatoire druk op de grondstoffen- en energieprijzen niet verder toeneemt, verwacht Ontex voor het volledige jaar 2022:
- Omzet van Core Markets en van de totale Groep, inclusief de beëindigde Emerging Markets, zal met minstens 10% LFL stijgen, op basis van een positief marktmomentum en aanhoudende prijsverhogingen.
- Recurrente EBITDA-marge van zowel Core Markets als de totale Groep, zal sequentieel stijgen kwartaal per kwartaal, naarmate bijkomende prijzen worden doorgerekend en de structurele kostenbesparingsmaatregelen resultaten blijven opleveren.
- Recurrente EBITDA van Core Markets zal tussen €100 en €110 miljoen bedragen, terwijl de totale recurrente EBITDA van de totale Groep naar verwachting tussen €125 en €140 miljoen zal bedragen.
- Discipline inzake cashflow blijft een aandachtspunt, met een hefboomratio die tegen het einde van het jaar moet dalen van 6,8x in juni, de ratio van werkkapitaal tot omzet moet normaliseren, en de investeringen geleidelijk moeten toenemen tot 4% van de omzet in het tweede halfjaar.
Portfolio ontwikkelingen
- Ontex Group NV heeft een bindende overeenkomst gesloten om zijn Mexicaanse en gerelateerde exportactiviteiten te verkopen aan Softys S.A., wat een mijlpaal vertegenwoordigd in de transformatie van Ontex. De transactie is gebaseerd op een ondernemingswaarde van MXN \$5.950 miljoen, of circa €285 miljoen [1]. Dit omvat een uitgestelde betaling van MXN \$500 miljoen, gespreid over een maximum van vijf jaar. De netto-opbrengst in contanten wordt geraamd op ongeveer €250 miljoen, na aftrek van belastingen, transactiekosten en balansaanpassingen. De afsluiting van de transactie is voorzien begin 2023, en is onderhevig aan de gewoonlijke voorwaarden, inclusief de fusievoorwaarden die van toepassing zijn. De opbrengst zal volledig gewijd worden aan de vermindering van de schuldpositie.
- Ontex boekt vooruitgang bij de afstoting van zijn overblijvende bedrijfsactiviteiten in Emerging Markets en de gesprekken met potentiële kopers worden voortgezet.
[1] Gebaseerd op de huidige wisselkoers
Tenzij anders vermeld, zijn alle toelichtingen met betrekking tot wijzigingen in omzet op vergelijkbare basis (LFL). Alle definities van de Alternatieve prestatiemetingen (APMs) in dit persbericht vindt u verderop in dit document..

Belangrijkste financiële gegevens eerste halfjaar en tweede kwartaal 2022
Groepstotaal
| Kernindicator | Tweede Kwartaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021 | % | % LFL | 2022 | 2021 | % | % LFL |
| Groep (totaal) | ||||||||
| Omzet | 598,3 | 500,9 | +19% | +15% | 1.151,7 | 980,6 | +17% | +15% |
| Rec. EBITDA | 24,8 | 51,4 | -52% | 49,4 | 101,0 | -51% | ||
| Rec. EBITDA marge | 4,1% | 10,3% | -6,1pp | 4,3% | 10,3% | -6,0pp | ||
| Emerging Markets (beëindigde bedrijfsactiviteiten) | ||||||||
| Omzet | 202,4 | 153,9 | +31,5% | +24% | 371,1 | 293,7 | +26% | +23% |
| Rec. EBITDA | 5,9 | 7,9 | -25% | 9,7 | 16,3 | -41% | ||
| Rec. EBITDA marge | 2,9% | 5,1% | -2,2pp | 2,6% | 5,6% | -3,0pp | ||
| Core Markets (voortgezette bedrijfsactiviteiten) | ||||||||
| Omzet | 395,9 | 347,0 | +14,1% | +10% | 780,6 | 686,9 | +13% | +12% |
| Rec. EBITDA | 18,8 | 43,5 | -57% | 39,7 | 84,6 | -53,1% | ||
| Rec. EBITDA marge | 4,8% | 12,5% | -7,8pp | 5,1% | 12,3% | -7,2pp |
| Kerncijfers | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021 | % |
| Groep (totaal) | |||
| Winst/(Verlies) van de periode | (171,4) | 7,2 | |
| Gewone winst per aandeel (in €) | (2,08) | 0,09 | |
| Investeringsuitgaven | (27,0) | (23,0) | +17% |
| Vrije kasstroom | (58,9) | 22,1 | |
| Netto schuld | 826,3 | 842,9 | -2,0% |
| Netto schuld / LTM Rec. EBITDA | 6,8x | 4,0x | 2,8x |
| Core Markets (voortgezette bedrijfsactiviteiten) | |||
| Recurrente winst van de periode | (11,2) | 22,0 | |
| Recurrente winst per aandeel (in €) | (0,14) | 0,27 | |
| Winst/(Verlies) van de periode | (99,7) | 7,2 | |
| Gewone winst per aandeel (in €) | (1,21) | 0,09 |
Kernmarkten (voortgezette activiteiten)
| Omzet | Tweede Kwartaal Eerste halfjaar |
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021 | % | % LFL | 2022 | 2021 | % | % LFL |
| Baby Care | 178,0 | 153,4 | 16% | 11% | 354,4 | 302,4 | 17% | 15% |
| Adult Care | 156,6 | 135,9 | 15% | 13% | 305,7 | 277,6 | 10% | 8,9% |
| Feminine Care | 52,7 | 49,7 | 6,0% | 4,0% | 105,3 | 93,3 | 13% | 11% |
| Overige | 8,6 | 8,0 | 7,5% | 6,7% | 15,2 | 13,6 | 12% | 11% |
| Omzet in miljoen € |
2021 | Volume/ mix |
Prijs | 2022 LFL | FX | 2022 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tweede Kwartaal | 347,0 | 17,9 | 18,5 | 383,4 | 12,5 | 395,9 |
| Eerste halfjaar | 686,9 | 55,9 | 24,2 | 767,0 | 13,6 | 780,6 |
| Rec. EBITDA | 2021 Volume/ | Grond | Operationele | Operationele | Netto | FX | 2022 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | mix/ prijs |
stoffen | kosten | besparingen | besparingen SG&A |
|||
| Tweede Kwartaal | 43,5 | 32,1 | (56,9) | (19,0) | 14,5 | 2,0 | 2,5 | 18,8 |
| Eerste halfjaar | 84,6 | 51,0 | (93,3) | (31,1) | 25,8 | 3,1 | (0,4) | 39,7 |

Bedrijfsoverzicht eerste halfjaar 2022
Inkomsten van Core Markets (voortgezette activiteiten)
De inkomsten van Core Markets bedroegen €781 miljoen, een stijging met 12% LFL, dankzij een volumegroei met 8,1% en een algemene prijsstijging met 3,5%. De inkomsten stegen met dubbele cijfers LFL in Europa en Noord-Amerika. De wisselkoersschommelingen voegden 2,0% toe, vooral door de aanzienlijke waardestijging van de Amerikaanse dollar op jaarbasis, waardoor de inkomsten in totaal met 14% stegen.
Volume en mix bleven de belangrijkste stuwende krachten met een impact van 8,1%, met een sterk marktmomentum, aangevuld door de contractwinsten die in 2021 zowel in Europa als Noord-Amerika werden geboekt. Retailmerken hebben over het algemeen marktaandeel gewonnen, vooral in het tweede kwartaal, omdat consumenten op zoek zijn naar meer kosteneffectieve alternatieve producten.
De prijzen stegen gemiddeld met 3,5%, waarbij maand na maand een geleidelijke stijging werd opgetekend naarmate opnieuw over contracten werd onderhandeld. In juni waren de prijzen hoger en aangezien reeds meer prijzen zijn vastgelegd, wordt verwacht dat deze in de komende maanden verder zullen stijgen. Er worden nog meer prijsverhogingen doorgevoerd als reactie op de voortdurende inflatie van de inkoopkosten.
In babyverzorging stegen de inkomsten met 15% LFL, vooral in babybroekjes, waar de verkoop met dubbele cijfers steeg dankzij een nieuw productgamma en een verhoogde productiecapaciteit. Ontex presteerde beter dan de Markt van retailmerken, zowel in luiers als in broekjes. De markten van retailmerken waren over het algemeen gunstig, wat ook tot uiting kwam in een aanzienlijk hogere groei voor broekjes. In de volwassenenzorg bleef de omzetgroei aanhouden, met een stijging van 8,9% LFL, mede dankzij de hogere groei voor incontinentiebroekjes. Terwijl de groei in het institutionele kanaal in het eerste kwartaal gematigd was, als gevolg van enkele contractverliezen in Zuid-Europa, groeiden de retailen onlinekanalen consistent met dubbele cijfers. Producten voor dameshygiëne groeiden met 11% LFL.
Recurrente EBITDA van Core Markets (voortgezette activiteiten)
De recurrente EBITDA van Core Markets bedroeg €40 miljoen, een daling met 53%. De omzetdaling droeg voor €51 miljoen bij, terwijl de voortdurende inspanningen om de kosten te drukken voor 29 miljoen euro bijdroegen, wat de ommekeer weerspiegelt die met het strategisch plan werd ingezet. De kosteninflatie nam zoals verwacht toe, wat resulteerde in een negatief effect van € 124 miljoen. De wisselkoersschommelingen hadden geen netto-effect aangezien de stijging van de Amerikaanse dollar, die een negatieve invloed had op de kostenbasis, werd gecompenseerd door de opwaardering van andere valuta.
De kosteninflatie woog zwaar op de vergelijking op jaarbasis, met een negatief effect van €93 miljoen op de grondstoffen en €31 miljoen op de operationele kosten. De totale kostenbasis steeg met ongeveer 20% ten opzichte van het eerste halfjaar van 2021, vooral voor grondstoffen, waar de prijzen met ongeveer 30% stegen op jaarbasis, met de grootste impact op superabsorberende polymeren. Tegen het einde van 2021 waren de indexen voor de belangrijkste grondstoffen van Ontex 40% tot 80% hoger dan aan het begin van dat jaar, en die stijging wordt nu grotendeels weerspiegeld in de kostenbasis. Sindsdien zijn sommige indexen met nog eens 30% gestegen, en zijn ook de energieprijzen en andere kostenfactoren gestegen. Deze stijgingen kwamen reeds gedeeltelijk tot uiting in de geleidelijke stijging van de grondstofprijzen in de loop van het halfjaar. Ook de andere operationele kosten stegen. De distributiekosten stegen met ongeveer 15% en de energieprijzen met meer dan 30%, terwijl de lonen met meer dan 5% stegen als gevolg van het inflatoire klimaat.
Kostenreducerende maatregelen leverden € 29 miljoen aan besparingen op, wat neerkomt op 4,6% van de kostenbasis, waarmee het momentum wordt vastgehouden om de kosten jaarlijks met 4% te verlagen. De brutobesparingen in de operaties van €26 miljoen vertegenwoordigden het grootste aandeel, dankzij lagere uitvalpercentages, een verbeterde productie-efficiëntie en het resultaat van design-to-value-initiatieven. Vanaf het tweede kwartaal werd de productievoetafdruk van Ontex in Europa verder geoptimaliseerd, vooral omdat de fabriek in Mayen, Duitsland, eind maart de productie stopzette. Na de aanzienlijke inspanningen van vorig jaar wordt nog steeds een strikte kostenbeheersing toegepast op de verkoop- en algemene beheerskosten, vooral op het vlak van marketing & sales, waardoor de inflatie kon worden gecompenseerd met €3 miljoen netto. In combinatie met de omzetgroei heeft dit ertoe geleid dat de SG&A-kosten ten opzichte van de omzet zijn gedaald tot 9,7%, onder het streefcijfer van 10%.
De recurrente EBITDA-marge daalde daardoor tot 5,1%, 7,2pp lager op jaarbasis en 4,8pp ten opzichte van het tweede halfjaar van 2021.
Totaal van de Groep (inclusief beëindigde bedrijfsactiviteiten)
De beëindigde bedrijfsactiviteiten, bestaande uit de divisie Emerging Markets, genereerden een omzet van € 371 miljoen, een stijging van 23% LFL, voornamelijk dankzij prijsverhogingen. De volumes waren grotendeels stabiel in Brazilië en Mexico, waar de marktgroei trager verliep, terwijl in het Midden-Oosten de volumes in baby- en volwassenverzorging gedurende de hele periode bleven groeien. De recurrente EBITDA kwam uit op €10 miljoen, een daling van 40%, omdat de prijsverhogingen achterblijven bij de kostenstijgingen, maar minder dan in Core Markets. Prijsverhogingen kunnen sneller worden doorgevoerd in de retailmerkmarkten, die in de opkomende markten de belangrijkste activiteit zijn.

Hoewel de EBITDA-marge van 2,6% op jaarbasis met 3,0pp daalde, betekent dit al een sequentiële verbetering van 2,7pp ten opzichte van de tweede helft van 2021.
De totale omzet van de Groep steeg tot €1.152 miljoen, een stijging met 15% LFL, met een prijsstijging van 8.4% en een volume en mixbijdrage van 6.6%. De recurrente EBITDA bedroeg €49 miljoen, een daling met 51%, aangezien de kosteninflatie van €179 miljoen de positieve impact van de omzetgroei en een totale bruto besparingsbijdrage van €36 miljoen meer dan teniet deed. De EBITDA-marge daalde daardoor tot 4,3%, een daling met 6,0pp op jaarbasis en met 2,5pp ten opzichte van het tweede halfjaar van 2021.
Bedrijfsoverzicht tweede kwartaal
Omzet van Core Markets (voortgezette activiteiten)
De inkomsten van Core Markets bedroegen €396 miljoen, een stijging met 10% LFL, dankzij een volumegroei/mixgroei van 5,1% en globaal hogere prijzen van 5,3%. Met een stijging van 2,9% ten opzichte van het vorige kwartaal betekent dit vijf opeenvolgende kwartalen van sequentiële groei. In Europa stegen de inkomsten met dubbele cijfers, terwijl de evolutie in Noord-Amerika gematigder was door een hogere vergelijkbare omzet in 2021. De wisselkoersschommelingen zorgden voor een stijging van de inkomsten met 3,6%, met een aanzienlijke opwaardering van de Amerikaanse dollar en de Russische roebel op jaarbasis, waardoor de inkomsten in totaal met 14% stegen.
De volume en mix stijging van 5.1% was gelijkmatig gespreid over beide componenten, met een sterk marktmomentum, aangevuld met de contractwinsten die in 2021 zowel in Europa als Noord-Amerika werden geboekt. Retailmerken hebben over het algemeen marktaandeel gewonnen, vooral in het tweede kwartaal, omdat consumenten op zoek zijn naar alternatieve producten met de beste kosten en de beste prestaties. De stijging op jaarbasis is lager dan in het eerste kwartaal, omdat het eerste kwartaal profiteerde van een lagere vergelijkingsbasis en van het feit dat klanten hun producten vooraf bevoorraadden.
De prijzen stegen gemiddeld met 5,3%, tegen 1,7% in het eerste kwartaal. In juni waren de prijzen hoger en aangezien er al meer prijzen zijn vastgelegd, wordt verwacht dat deze in de komende maanden verder zullen stijgen. Bijkomende prijsacties worden gepland en uitgevoerd om in te spelen op de aanhoudende inflatie van de inputkosten.
In babyverzorging groeide de omzet met 11% LFL. De groei van de babybroekjes versnelde verder in vergelijking met het eerste kwartaal, met sterke dubbele cijfers op jaarbasis, dankzij een nieuw productgamma en een groter marktaandeel van onze klanten. Ontex presteerde beter dan de retailmerkenmarkt, die over het algemeen ondersteunend was. In de volwassenenzorg stegen de inkomsten met 13% LFL, met dubbelcijferige groei in zowel het institutionele kanaal als in de retailkanalen. De producten voor de dameshygiëne groeiden met 4,0% LFL.
Recurrente EBITDA van Core Markets (voortgezette activiteiten)
De recurrente EBITDA van Core Markets bedroeg €19 miljoen, een daling met 57% tegenover het tweede kwartaal van 2021, en met 10% sequentieel tegenover het eerste kwartaal van het jaar. De omzetstijging was goed voor €32 miljoen, terwijl de voortdurende inspanningen om de kosten te drukken €17 miljoen bijdroegen, een stijging ten opzichte van het eerste kwartaal. De kosteninflatie nam zoals verwacht toe, wat resulteerde in een negatief effect van €76 miljoen. Wisselkoersschommelingen hadden een netto positief effect van €2,5 miljoen, aangezien de stijging van de Amerikaanse dollar, die een negatieve invloed had op de kostenbasis, meer dan gecompenseerd werd door de waardestijging van de Russische roebel op de omzet.
De kosteninflatie woog zwaar op de vergelijking op jaarbasis, met een negatieve impact van € 57 miljoen op de grondstoffen en € 19 miljoen op de bedrijfskosten. De totale kostenbasis steeg met ongeveer 25% ten opzichte van het tweede kwartaal van 2021, voornamelijk door hogere grondstofprijzen, als gevolg van hogere energiekosten en indeces. Ook de andere operationele kosten stegen, aangezien hogere energieprijzen en looninflatie ook een invloed hebben op de distributie- en productiekosten.
Kostenbesparende maatregelen waren goed voor €17 miljoen aan besparingen, wat neerkomt op 5,5% van de kostenbasis, ruim boven de doelstelling om de kosten jaarlijks met 4% te verlagen. De brutobesparingen in de operaties vertegenwoordigden met €15 miljoen het grootste aandeel, dankzij lagere uitvalpercentages, verbeterde productieefficiëntie en het resultaat van design-to-value-initiatieven. De productie van Ontex werd in Europa verder geoptimaliseerd, vooral omdat de fabriek in Mayen (Duitsland) de productie werd stopgezet. Na de aanzienlijke inspanningen van vorig jaar wordt nog steeds een strikte kostenbeheersing toegepast op de verkoop-, algemene en administratieve kosten, met name op het vlak van marketing & sales, waardoor de inflatie meer dan gecompenseerd kon worden. In combinatie met de omzetgroei heeft dit ertoe geleid dat de SG&A-kosten in verhouding tot de omzet zijn gedaald tot 9,0%, ruim onder de doelstelling van 10%.
De recurrente EBITDA-marge daalde daardoor tot 4,8%, 7,8pp lager op jaarbasis en 0,7pp op kwartaalbasis. De geopolitieke context dreef de inputkosten sequentieel verder op, meer dan de prijzen werden verhoogd.

Totale Groep (inclusief beëindigde bedrijfsactiviteiten)
De beëindigde bedrijfsactiviteiten, bestaande uit de divisie Emerging Markets, genereerden een omzet van 202 miljoen euro, een stijging met 24% die vooral te danken was aan de prijszetting. De volumes bleven grotendeels stabiel in Brazilië en Mexico, in krimpende markten, terwijl de volumes in het Midden-Oosten verder toenamen. De aangepaste EBITDA kwam uit op €6 miljoen, een daling met 25% tegenover het tweede kwartaal van 2021, maar een sequentiële stijging met 59% tegenover het eerste kwartaal van het jaar. Hieruit blijkt het snellere herstel in de opkomende markten, waar de kosteninflatie vroeger is begonnen en prijsverhogingen sneller kunnen worden doorgevoerd dan in de kernmarkten. De EBITDA-marge van 2.9% is weliswaar 2,2pp lager op jaarbasis, maar betekent toch al een sequentiële verbetering van 0,7pp tegenover het vorige kwartaal.
De totale Groepsomzetsteeg tot €598 miljoen, een stijging met 15% bij vergelijkbare gegevens en met 8,3% in vergelijking met het eerste kwartaal. De prijzen stegen met 10% en volume en mix droegen 4,3% bij. De aangepaste EBITDA bedroeg €25 miljoen, een daling met -52%, en 0.5% hoger dan in het eerste kwartaal. De kosteninflatie compenseerde de dalende omzetgroei en een totale brutobesparingsbijdrage van €18 miljoen, evenveel als in het eerste kwartaal. De EBITDA-marge daalde daardoor tot 4,2%, een daling met 6,1pp op jaarbasis, maar slechts 0,3pp op kwartaalbasis.
Financieel overzicht
P&L
De afschrijvingen stegen licht tot €(34) miljoen, voornamelijk ten gevolge van wisselkoersschommelingen.
De niet-recurrente kosten bedragen in totaal €(90) miljoen en bestaan hoofdzakelijk uit een waardevermindering van goodwill ten bedrage van €(84) miljoen zonder kasstroomeffect. Aangezien de continuïteit van de Russische activiteiten en de bijbehorende financiële transacties met enige onzekerheid blijft omwille van de evolutie van de sancties, heeft de Groep beslist om een deel van de goodwill toegewezen aan zijn Russische activiteiten af te zonderen en vervolgens een bijzondere waardevermindering te boeken. Het restant heeft voornamelijk betrekking op herstructureringsinspanningen op de Europese voetafdruk.
De netto financieringskosten bedroegen €(22) miljoen, grotendeels in lijn met het eerste halfjaar van 2021. De nettorentekosten van €(19) miljoen waren licht hoger op jaarbasis, als gevolg van de hogere rente na de uitgifte in juli 2021 van een obligatielening van €580 miljoen tegen een vaste rente van 3,5%. Deze werden echter gecompenseerd door wisselkoerseffecten.
Aangezien de winst vóór belastingen negatief was en uitkwam op €(107) miljoen, werd een belastingswinst van €6.9 miljoen geboekt.
Beëindigde bedrijfsactiviteiten boekten een verlies van €(72) miljoen, vergeleken met €0.0 miljoen in 2021. Dit bestond voornamelijk uit een non-cash waardevermindering van de Mexicaanse activa van €(60) miljoen, als gevolg van de afsplitsing van deze activiteiten, de non-cash netto waarderingseffecten van €(5,4) miljoen als gevolg van de hyperinflatie in Turkije, die de waardering van de netto activa en ingehouden winsten in het eigen vermogen beïnvloedden, en €(9) miljoen herstructureringskosten, voornamelijk in verband met de Ethiopische activiteiten. Deze kosten deden de positieve bedrijfsbijdrage meer dan teniet.
De aangepaste winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten bedroeg €(28) miljoen, vergeleken met €22 miljoen in de eerste helft van 2021. Inclusief de impact van eenmalige kosten en de bijdrage van beëindigde bedrijfsactiviteiten bedroeg het verlies over de periode €(171) miljoen, waarbij de delta bijna volledig toe te schrijven is aan de niet-cash bijzondere waardeverminderingen in voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten. De aangepaste winst per aandeel bedraagt €(0,14) tegenover €0,27 in 2021. De gewone winst per aandeel bedraagt €(2,08), vergeleken met €0,09 in de eerste jaarhelft van 2021.
Kasmiddelen
Investeringsuitgaven bedroegen €(27) miljoen, een lichte stijging ten opzichte van €(23) miljoen in 2021. Het tempo van 2,3% van de inkomsten blijft laag, maar ligt hoger dan de afschrijvingen. Een strikt kapitaalbeheer wordt nog steeds toegepast in de huidige uitdagende bedrijfsomstandigheden, maar zal naar verwachting geleidelijk toenemen tot ongeveer 4% in de tweede helft om groei en waardecreërende initiatieven verder te ondersteunen. Deze vormden het leeuwendeel van de uitgaven in het eerste halfjaar en omvatten voornamelijk de voltooiing van de nieuwe fabriek in de VS, projecten om de operationele efficiëntie te verbeteren en innovaties zoals het Orizon slimme luierplatform.
De vrije kasstroom (na belastingen) was een uitstroom van €(59) miljoen, vergeleken met een instroom van €22 miljoen in 2021, voornamelijk als gevolg van de lagere EBITDA en de uitstroom van werkkapitaal van €(34) miljoen. Investeringen en leasebetalingen bedroegen samen €(39) miljoen. Het kaseffect van eenmalige kosten bedroeg €(22) miljoen. De belastingen lagen iets hoger op €(11) miljoen.

Balans
Het werkkapitaal voor de totale Groep bedroeg aan het einde van de periode €186 miljoen, een stijging van €56 miljoen ten opzichte van eind 2021. De stijging houdt verband met de sterk stijgende opbrengsten, vooral in juni, waardoor zowel de absolute waarde als de verhouding over de opbrengsten is gestegen. Het werkkapitaal is exclusief wisselkoerseffecten, maar inclusief de tegeldemaking van debiteuren via factoring voor €184 miljoen, tegenover € 163 miljoen eind 2021.
De nettoschuld bedroeg € 826 miljoen op het einde van de periode, met inbegrip van een netto financiële schuld van €715 miljoen en leasingschulden van € 111 miljoen. Deze toename met € 101 miljoen ten opzichte van 31 december 2021 omvat de vrije kasuitstroom, de nettorente van €19 miljoen en een overige financieringsuitstroom van €7,8 miljoen, voornamelijk in verband met de kosten van de in februari afgeronde onderhandelingen over de kwijtschelding van de termijnlening. Wijzigingen anders dan in geld deden de nettoschuld met €15 miljoen toenemen en omvatten voornamelijk de toename van de leasingschulden met €19 miljoen, die verband houden met het opstarten van de fabriek in de VS. De nettoschuld daalde ten opzichte van € 833 miljoen op 31 maart, voornamelijk dankzij de instroom van werkkapitaal. Eind juni heeft Ontex €50 miljoen opgenomen van zijn doorlopende kredietfaciliteit van €250 miljoen om tijdelijke verschillen in de geografische cashdistributie te dekken. De hefboomratio bedroeg 6,8x de nettoschuld over de aangepaste EBITDA aan het einde van de periode, tegenover 4,2x aan het einde van 2021, voornamelijk als gevolg van de aanzienlijke daling van de aangepaste EBITDA over de laatste twaalf maanden.
Sinds 2022 worden de activiteiten van Emerging Markets gerapporteerd als activa aangehouden voor verkoop, die €726 miljoen aan activa vertegenwoordigen. De netto waarde van deze, na aftrek van €(253) miljoen aan gerelateerde verplichtingen bedraagt €473 miljoen, en de vermogenswaarde, na aftrek van €(293) miljoen gerelateerde cumulatieve omrekeningsreserves, bedraagt eind juni €179 miljoen.

Vrijwaringsclausule
Dit rapport kan "toekomstgerichte verklaringen" bevatten. Toekomstgerichte verklaringen zijn verklaringen betreffende of gebaseerd op de huidige voornemens, meningen of verwachtingen van het management betreffende, onder meer, Ontex 's toekomstige bedrijfsresultaten, financiële conditie, liquiditeit, prospecten, groei, strategieën of ontwikkelingen in de sector waarin we operationeel zijn. Per definitie houden toekomstgerichte verklaringen risico's, onzekerheden en veronderstellingen in waardoor de reële resultaten van toekomstige gebeurtenissen in belangrijke mate kunnen afwijken van de verklaarde of geïmpliceerde. Deze risico's, onzekerheden en veronderstellingen kunnen het resultaat en de financiële effecten van deze plannen en gebeurtenissen hierin beschreven negatief beïnvloeden. Toekomstgerichte verklaringen, die in dit rapport worden vermeld met betrekking tot trends of huidige activiteiten, zijn geen waarborg dat deze trend en activiteiten in de toekomst zullen aanhouden. Wij gaan geen enkele verbintenis aan om de toekomstgerichte verklaringen te actualiseren, noch als gevolg van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of andere. Men mag geen onterecht vertrouwen schenken aan toekomstige verklaringen, die enkel geldig zijn op de datum van dit rapport. De informatie in dit rapport kan wijzigen zonder voorafgaandelijke melding. Geen waarborg, noch uitgedrukt of verondersteld, wordt gemaakt met betrekking tot de redelijkheid, de nauwkeurigheid of de volledigheid van de informatie opgenomen in dit rapport en geen vertrouwen moet hieraan gehecht worden. De meeste tabellen in dit rapport geven de bedragen weer in miljoen € voor redenen van transparantie. Dit kan aanleiding geven tot afrondingsverschillen in de tabellen opgenomen in dit rapport.
Bedrijfsinformatie
Bovenstaand persbericht en bijhorende financiële informatie van Ontex Group NV voor de drie maanden eindigend op 30 juni 2022 werd voor publicatie vrijgegeven overeenkomstig een beslissing van de Raad van 28 juli 2022.
Audio webcast
Het management zal een audiowebcast hosten voor beleggers en analisten op 29 juli 2022 om 11:00 CEST / 10:00 BST. Een kopie van de presentatiedia's zal beschikbaar zijn op ontex.com.
Klik op onderstaande link om de presentatie bij te wonen vanaf uw laptop, tablet of mobiel apparaat. Audio wordt via het geselecteerde apparaat gestreamd, dus zorg ervoor dat de hoofdtelefoon of het volume hoger staat.
https://channel.royalcast.com/ontexgroup/#!/ontexgroup/20220729\_1
Een volledige herhaling van de presentatie zal beschikbaar zijn op dezelfde link kort na afloop van de live presentatie.
Financiële kalender
- 3de kwartaal 2022 10 november 2022
- 4de kwartaal 2022 en 2022 1 maart 2023
Vragen
- Beleggers Geoffroy Raskin +32 53 33 37 30 [email protected]
- Pers Maarten Verbanck +32 492 72 42 67 [email protected]

TUSSENTIJDS VERKORTE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
Voor Het EERSTE HALFJAAR Eindigend op 30 JUNI 2022
INHOUD
| VERKLARING VAN DE RAAD VAN BESTUUR | 10 | |
|---|---|---|
| VERSLAG VAN DE COMMISSARIS | 11 | |
| 1. Geconsolideerde balans | 12 | |
| 2. Geconsolideerde resultatenrekening voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 juni | 13 | |
| 3. Geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 juni | 14 | |
| 4. Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 juni | 15 | |
| 5. Geconsolideerd kasstroomoverzicht voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 juni | 17 | |
| 6. TOELICHTINGEN BIJ DE TUSSENTIJDSE VERKORTE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING | 18 | |
| 6.1. | Bedrijfsinformatie | 18 |
| 6.2. | Samenvatting van de belangrijkste boekhoudkundige principes | 18 |
| 6.3. | Operationele segmenten | 21 |
| 6.4. | Goodwill | 21 |
| 6.5. | Immateriele activa | 23 |
| 6.6. | Materiële vaste activa | 23 |
| 6.7. | Recht-op-gebruik activa | 23 |
| 6.8. | Netto schuld | 23 |
| 6.9. | Voorzieningen | 24 |
| 6.10. | Voor verkoop aangehouden groep van activa die wordt afgestoten en beëindigde bedrijfsactiviteiten | 24 |
| 6.11. | Niet-recurrente opbrengsten en kosten | 27 |
| 6.12. | Netto financiele kosten | 28 |
| 6.13. | Winst per aandeel | 28 |
| 6.14. | Op aandelen gebaseerde betalingen | 29 |
| 6.15. | Financiële instrumenten | 31 |
| 6.16. | Voorwaardelijke verplichtingen | 33 |
| 6.17. | Transacties met verbonden partijen | 33 |
| 6.18. | Gebeurtenissen na balansdatum | 33 |
| 6.19. | Alternatieve performantie-indicatoren | 34 |
| Vrijwaringsclausule | 37 |
VERKLARING VAN DE RAAD VAN BESTUUR
De Raad van Bestuur van Ontex Group NV verklaart in naam en voor rekening van Ontex Group NV, dat, voor zover hen bekend,
- de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten, die zijn opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS") zoals goedgekeurd door de Europese Unie, een getrouw beeld geven van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van Ontex Group NV en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen;
- het financieel verslag een getrouw overzicht geeft van de vereiste informatie die dient opgenomen te worden op basis van artikel 12, §2 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.
De bedragen in dit document worden weergegeven in EUR miljoen (miljoen €) tenzij anders vermeld.
Als gevolg van afrondingen kunnen de cijfers gerapporteerd in deze tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening niet exact optellen tot de totalen die zijn weergegeven en kunnen de percentages afwijken van de absolute cijfers.
VERSLAG VAN DE COMMISSARIS
VERSLAG VAN DE COMMISSARIS OVER HET BEPERKT NAZICHT VAN DE TUSSENTIJDSE VERKORTE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING PER 30 JUNI 2022

1. GECONSOLIDEERDE BALANS PER 30 JUNI
| ACTIVA | Toelichting | 30 juni 2022 | 31 december |
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2021 | ||
| Vaste activa | |||
| Goodwill | 6.4. | 799,4 | 1.039,9 |
| Immateriële activa | 6.5. | 30,6 | 45,8 |
| Materiële vaste activa | 6.6. | 418,7 | 573,4 |
| Recht-op-gebruik activa | 6.7. | 107,0 | 102,0 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 19,2 | 19,7 | |
| Langlopende vorderingen | 0,2 | 3,5 | |
| 1.375,3 | 1.784,4 | ||
| Vlottende activa | |||
| Voorraden | 284,2 | 358,7 | |
| Handelsvorderingen | 190,4 | 269,8 | |
| Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | 48,6 | 69,2 | |
| Actuele belastingvorderingen | 7,1 | 15,0 | |
| Afgeleide financiële activa | 10,3 | 5,7 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 6.8. | 115,0 | 246,7 |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6.10. | 725,6 | - |
| 1.381,2 | 965,1 | ||
| TOTAAL ACTIVA | 2.756,5 | 2.749,4 |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN in miljoen € |
Toelichting | 30 juni 2022 | 31 december 2021 |
|---|---|---|---|
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de aandeelhouders van de moedermaatschappij |
|||
| Kapitaal en uitgiftepremie | 1.208,0 | 1.208,0 | |
| Eigen aandelen | (34,3) | (36,3) | |
| Cumulatieve omrekeningsverschillen | (266,3) | (333,1) | |
| Overgedragen resultaat en overige reserves | 83,5 | 207,8 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN | 990,8 | 1.046,3 | |
| Langlopende verplichtingen | |||
| Voorzieningen m.b.t. personeelsbeloningen | 15,4 | 22,0 | |
| Rentedragende leningen | 6.8. | 881,0 | 885,2 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 14,8 | 22,5 | |
| Overige schulden | 0,3 | 0,2 | |
| 911,6 | 929,9 | ||
| Kortlopende verplichtingen | |||
| Rentedragende leningen | 6.8. | 82,9 | 87,0 |
| Afgeleide financiële verplichtingen | 0,5 | 4,1 | |
| Handelsschulden | 425,3 | 532,6 | |
| Toegerekende kosten en overige schulden | 24,9 | 39,0 | |
| Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 38,2 | 46,2 | |
| Actuele belastingverplichtingen | 12,3 | 31,8 | |
| Voorzieningen | 6.9. | 17,0 | 32,6 |
| Verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop |
6.10. | 252,8 | - |
| 854,0 | 773,2 | ||
| TOTAAL VERPLICHTINGEN | 1.765,6 | 1.703,2 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 2.756,5 | 2.749,4 |

2. GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING voor het eerste halfjaar afgesloten op 30
JUNI
| Eerste halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | Toelichting | 2022 | 2021* |
| Omzet | 6.3. | 780,6 | 686,9 |
| Kostprijs van de omzet | (608,6) | (478,4) | |
| Brutomarge | 172,0 | 208,5 | |
| Distributiekosten | (91,2) | (74,1) | |
| Verkoop- en marketingkosten | (39,3) | (43,3) | |
| Algemene beheerskosten | (35,8) | (33,9) | |
| Overige bedrijfsopbrengsten/(-kosten), netto | (0,5) | (5,6) | |
| Kosten en opbrengsten gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur | 6.11. | (4,2) | (10,6) |
| Kosten en opbrengsten gerelateerd aan waardeverminderingen en significante geschillen |
6.11. | (85,6) | (9,5) |
| Bedrijfsresultaat | (84,5) | 31,5 | |
| Financiële opbrengsten | 0,4 | 0,3 | |
| Financiële kosten | (22,5) | (21,2) | |
| Nettowisselkoersverschillen op financieringsactiviteiten | (0,1) | (0,7) | |
| Netto financiële kosten | 6.12. | (22,1) | (21,6) |
| Winst/(verlies) vóór winstbelastingen | (106,6) | 10,0 | |
| Winstbelastingen | 6,9 | (2,8) | |
| Winst/(verlies) voor de periode uit voortgezette activiteiten | (99,7) | 7,2 | |
| Winst/(verlies) voor de periode uit beëindigde activiteiten | (71,6) | 0,0 | |
| Winst/(verlies) voor de periode | (171,4) | 7,2 | |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan: | |||
| Aandeelhouders van de moedermaatschappij | (171,4) | 7,2 | |
| Winst/(verlies) voor de periode | (171,4) | 7,2 |
*De geconsolideerde resultatenrekening van 2021 werd aangepast als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteit.
Winst per aandeel:
| Eerste halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in € | Toelichting | 2022 | 2021 |
| Voor voortgezette activiteiten | |||
| Gewone winst per aandeel | (1,21) | 0,09 | |
| Verwaterde winst per aandeel | (1,21) | 0,09 | |
| Recurrente gewone winst per aandeel | (0,14) | 0,27 | |
| Recurrente verwaterde winst per aandeel | (0,14) | 0,27 | |
| Voor voortgezette en beëindigde activiteiten | |||
| Gewone winst per aandeel | 6.13. | (2,08) | 0,09 |
| Verwaterde winst per aandeel | 6.13. | (2,08) | 0,09 |
| Gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen uitstaand gedurende de periode | 82.347.218 | 80.894.617 |
[1] Reported P&L figures, except for profit, represent continuing operations, i.e. Core Markets, only. As from 2022, Emerging Markets, representing 30% of revenue in 2021, are reported as assets held for sale and discontinued operations, following the strategic decision to divest these businesses.
3. GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN HET TOTAALRESULTAAT voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 JUNI
| Eerste halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021 | |
| Winst/(verlies) voor de periode | (171,4) | 7,2 | |
| Overige elementen van het totaalresultaat voor de periode, na winstbelastingen: | |||
| Herwaarderingen van toegezegde-pensioenregelingen | 5,0 | 1,6 | |
| Uitgestelde belastingen op componenten die later niet zullen opgenomen worden in de resultatenrekening |
- | (0,4) | |
| Componenten die later niet zullen opgenomen worden in de resultatenrekening, na belastingen | 5,0 | 1,2 | |
| Omrekeningsverschillen op buitenlandse activiteiten | 66,9 | 19,9 | |
| Reële waarde herwaardering – Kasstroomafdekking | 7,4 | 5,1 | |
| Uitgestelde belastingen op componenten die later mogelijks kunnen opgenomen worden in de resultatenrekening |
- | (0,2) | |
| Componenten die later mogelijks kunnen opgenomen worden in de resultatenrekening, na belastingen | 74,3 | 24,9 | |
| Overige elementen van het totaalresultaat voor de periode, na belastingen | 79,3 | 26,1 | |
| Totaalresultaat voor de periode | (92,1) | 33,3 | |
| Totaalresultaat toewijsbaar aan: | |||
| Aandeelhouders van de moedermaatschappij | (92,1) | 33,3 | |
| Totaalresultaat voor de periode | (92,1) | 33,3 |
4. GECONSOLIDEERD MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 JUNI
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Aantal aandelen |
Kapitaal | Uitgifte premie |
Eigen Aandelen |
Cumulatieve omrekenings verschillen |
Overgedragen resultaat en overige reserves |
Totaal Eigen vermogen |
| Saldo per 31 december 2021 | 82.347.218 | 795,2 | 412,8 | (36,3) | (333,1) | 207,8 | 1.046,3 |
| Herwerking Opening balans (Hyperinflatie niet-monetaire wijzigingen) |
- | - | - | - | - | 17,0 | 17,0 |
| Herwerkt Saldo per 31 December 2021 | 82.347.218 | 795,2 | 412,8 | (36,3) | (333,1) | 224,8 | 1.063,3 |
| Hyperinflatie monetaire wijzigingen | - | - | - | - | - | 18,5 | 18,5 |
| Transacties met aandeelhouders op niveau van Ontex Group NV: |
|||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | - | - | 0,8 | 0,8 |
| Afwikkeling van op aandelen gebaseerde betalingen |
- | - | - | 1,7 | - | (1,7) | - |
| Eigen aandelen | - | - | - | 0,3 | - | - | 0,3 |
| Totaal transacties met aandeelhouders | - | - | - | 2,0 | - | (0,9) | 1,1 |
| Totaalresultaat: | |||||||
| Winst/(verlies) van de periode | - | - | - | - | - | (171,4) | (171,4) |
| Overige elementen van het totaalresultaat: |
|||||||
| Omrekeningsverschillen op buitenlandse activiteiten |
- | - | - | - | 66,9 | - | 66,9 |
| Herwaardering toegezegde pensioenregelingen |
- | - | - | - | - | 5,0 | 5,0 |
| Kasstroomindekking | - | - | - | - | - | 7,4 | 7,4 |
| Totaal overige elementen van het totaalresultaat |
- | - | - | - | 66,9 | 12,4 | 79,3 |
| Saldo op 30 juni 2022 | 82.347.218 | 795,2 | 412,8 | (34,3) | (266,3) | 83,5 | 990,8 |
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Aantal aandelen |
Kapitaal | Uitgifte premie |
Eigen Aandelen |
Cumulatieve omrekenings verschillen |
Overgedragen resultaat en overige reserves |
Totaal Eigen vermogen |
| Saldo per 31 december 2020 | 82.347.218 | 795,2 | 412,8 | (38,8) | (333,5) | 262,7 | 1.098,4 |
| Transacties met aandeelhouders op niveau van Ontex Group NV: |
|||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | - | - | 1,0 | 1,0 |
| Afwikkeling van op aandelen gebaseerde betalingen |
- | - | - | 2,8 | - | (2,8) | - |
| Totaal transacties met aandeelhouders | - | - | - | 2,8 | - | (1,7) | 1,0 |
| Totaalresultaat: | |||||||
| Winst/(verlies) van de periode | - | - | - | - | - | 7,2 | 7,2 |
| Overige elementen van het totaalresultaat: |
|||||||
| Omrekeningsverschillen op buitenlandse activiteiten |
- | - | - | - | 19,9 | - | 19,9 |
| Herwaardering toegezegde pensioenregelingen |
- | - | - | - | - | 1,2 | 1,2 |
| Kasstroomindekking | - | - | - | - | - | 4,9 | 4,9 |
| Totaal overige elementen van het totaalresultaat |
- | - | - | - | 19,9 | 6,1 | 26,1 |
| Saldo op 30 juni 2021 | 82.347.218 | 795,2 | 412,8 | (36,0) | (313,6) | 274,4 | 1.132,7 |
5. GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT
voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 JUNI
| Eerste halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021 |
| KASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN | ||
| Winst/(verlies) voor de periode | (171,4) | 7,2 |
| Aanpassingen voor: | ||
| Winstbelastingen | (1,9) | 3,1 |
| Afschrijvingen | 34,5 | 43,9 |
| Bijzondere waardeverminderingen en elementen verbonden aan investeringsactiviteiten | 146,9 | 8,3 |
| Voorzieningen (inclusief verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen) | (12,8) | 0,1 |
| Wijziging in reële waarde van financiële instrumenten | (1,5) | (0,2) |
| Netto financiële kosten | 29,5 | 23,7 |
| Wijzigingen in werkkapitaal: | ||
| Voorraden | (36,9) | 3,1 |
| Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | (29,4) | (9,1) |
| Handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden | 32,3 | (11,4) |
| Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 2,1 | (3,6) |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | (8,5) | 64,9 |
| Betaalde winstbelastingen | (11,3) | (8,7) |
| NETTOKASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN | (19,8) | 56,3 |
| KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | ||
| Aankoop van materiële vaste en immateriële activa | (27,0) | (23,0) |
| Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste en immateriële activa | (0,1) | 0,3 |
| NETTOKASSTROOM GEBRUIKT VOOR / UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | (27,2) | (22,7) |
| KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | ||
| Inkomsten uit leningen | 57,8 | 15,9 |
| Aflossingen van leningen | (59,3) | (284,7) |
| Betaalde interesten | (20,2) | (14,3) |
| Ontvangen interesten | 1,3 | 0,9 |
| Herfinancieringskosten en overige financieringskosten | (3,4) | 1,1 |
| Gerealiseerde wisselkoersresultaten uit financieringsactiviteiten | (1,3) | 0,3 |
| Afgeleide financiële activa | (3,0) | (0,8) |
| NETTOKASSTROOM GEBRUIKT VOOR / UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | (28,2) | (281,6) |
| NETTO TOENAME / (AFNAME) GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | (75,2) | (248,0) |
| Cumulatieve wisselkoersverschillen op mutaties in geldmiddelen | 9,3 | 0,3 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET BEGIN VAN DE PERIODE | 246,7 | 430,1 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET EINDE VAN DE PERIODE | 180,8 | 182,5 |
| Waarvan gepresenteerd als Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 65,7 | - |
6. TOELICHTINGEN BIJ DE TUSSENTIJDSE VERKORTE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
6.1. BEDRIJFSINFORMATIE
De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV (de 'Groep' of 'Ontex') voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 juni 2022 werd goedgekeurd voor uitgifte overeenkomstig het besluit van de Raad van Bestuur van 28 juli 2022.
6.1.1. Juridisch Statuut
Ontex Group is een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid opgericht in de vorm van een naamloze vennootschap naar Belgisch recht. De maatschappelijke zetel van Ontex Group is gevestigd te Korte Keppestraat 21, 9320 Erembodegem (Aalst), België. De aandelen van Ontex Group worden genoteerd op de gereguleerde markt van Euronext Brussel.
6.2. SAMENVATTING VAN DE BELANGRIJKSTE BOEKHOUDKUNDIGE PRINCIPES
6.2.1. Grondslag voor het opstellen van de jaarrekening
De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2022 werd opgesteld in overeenstemming met IAS 34 – Tussentijdse financiële verslaggeving, zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Deze omvat niet alle informatie vereist voor de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening en dient samen bekeken te worden met de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het boekjaar eindigend per 31 december 2021, die beschikbaar is op de website: http://www.ontexglobal.com.
De bedragen in deze documenten worden gerapporteerd in miljoenen €, tenzij anders vermeld. Dit kan aanleiding geven tot afrondingsverschillen in de tabellen opgenomen in dit rapport.
Dit rapport werd opgesteld in het Nederlands en vertaald in het Engels. In geval van discrepanties tussen de twee versies zal de Nederlandstalige versie voorrang hebben.
Een samenvatting van de belangrijkste boekhoudkundige principes werd opgenomen in de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2021 die zich bevindt in het Geïntegreerd Jaarverslag 2021 op de website (http://www.ontexglobal.com), van pagina 97 tot en met pagina 107. De boekhoudkundige principes zijn op consistente wijze toegepast doorheen de betrokken perioden.
De boekhoudkundige principes die van toepassing zijn bij de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële rapportering voor de periode van 1 januari 2022 tot en met 30 juni 2022 zijn in overeenstemming met de principes die toegepast werden in de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2021 .
Relevante IFRS-standaarden verplicht vanaf 2022
De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen aan standaarden zijn voor het eerst verplicht van toepassing voor het boekjaar startend op 1 januari 2022 en zijn goedgekeurd door de EU:
Wijzigingen aan IFRS 3 - Bedrijfscombinaties (toepasbaar vanaf 1 januari 2022) brengen een verwijzing in IFRS 3 naar het conceptueel kader voor financiële verslaglegging up-to-date zonder de boekhoudkundige vereisten voor bedrijfscombinaties te wijzigen.
Wijzigingen aan IAS 16 - Materiële vaste activa (toepasbaar 1 januari 2022) verbieden een bedrijf het in mindering brengen van bedragen ontvangen uit de verkoop van geproduceerde artikelen op de kosten van een materiële vast actief, terwijl het bedrijf het actief voorbereidt op het beoogde gebruik. In plaats daarvan zal een bedrijf dergelijke verkoopopbrengsten en gerelateerde kosten in winst of verlies opnemen.
Wijzigingen aan IAS 37 - Voorzieningen, voorwaardelijke verplichtingen en activa (toepasbaar 1 januari 2022) specificeren welke kosten een bedrijf opneemt in de beoordeling of een contract verliesgevend zal zijn.
Jaarlijkse verbeteringen (2018-2020) aan IFRS standaarden (toepasbaar 1 januari 2022) brengen kleine wijzigingen aan in IFRS 1 - Eerste toepassing van IFRS, IFRS 9 - Financiële Instrumenten, IAS41 - Landbouwactiviteiten en de illustratieve voorbeelden bij IFRS 16 - Leaseovereenkomsten.
Wijzigingen aan IFRS 16 - Leaseovereenkomsten: Covid-19-gerelateerde huurconcessies na juni 2021 (effectief vanaf 1 april 2021). De wijzigingen verlengen met één jaar de wijziging van mei 2020 die huurders een vrijstelling geeft om te beoordelen of een COVID-19 gerelateerde huurconcessie al dan niet een 'huuraanpassing' is. In het bijzonder stelt de wijziging een huurder in staat om de praktische oplossing met betrekking tot COVID-19-gerelateerde huurconcessies toe te passen op huurconcessies waarvoor een verlaging van de leasebetalingen alleen betrekking heeft op betalingen die oorspronkelijk verschuldigd waren op of vóór 30 juni 2022 (in plaats van oorspronkelijk alleen betalingen die op of voor 30 juni 2021 verschuldigd waren). De wijziging is van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 april 2021 (eerdere toepassing toegestaan, inclusief in jaarrekeningen die nog niet zijn goedgekeurd voor publicatie op de datum waarop de wijziging wordt gepubliceerd).
De hierboven vermelde standaarden hebben geen impact gehad op de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening.
Relevante IFRS standaarden verplicht vanaf 2023
Een aantal nieuwe standaarden, aanpassingen aan bestaande standaarden en jaarlijkse verbeteringscycli zijn gepubliceerd en zijn verplicht voor de eerste toepassing voor het boekjaar dat begint op of na 1 januari 2023 of latere periodes, en zijn niet vervroegd toegepast. Zij die het meest relevant kunnen zijn voor de tussentijds verkorte geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group, worden hieronder uiteengezet:
Aanpassing van IAS 1 Classificatie van verplichtingen als kortlopend of langlopend (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2023, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie): De aanpassingen geven een algemenere benadering weer van de classificatie van verplichtingen volgens IAS 1 op basis van de contractuele bepalingen die op balansdatum van toepassing zijn.
Aanpassing van IAS 1 - Presentatie van de jaarrekening en IFRS Practice Statement 2 – Toelichtingen van grondslagen voor financiële verslaggeving (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2023, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie).
Aanpassingen van IAS 8 - Grondslagen voor financiële verslaggeving, schattingswijzigingen en fouten: Definitie van boekhoudkundige schattingen (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2023, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie). De aanpassingen van IAS 8 verduidelijken hoe ondernemingen een onderscheid moeten maken tussen wijzigingen in de grondslagen voor financiële verslaggeving en wijzigingen in de schattingen.
Aanpassingen van IAS 12 - Winstbelastingen: Uitgestelde belastingen met betrekking tot activa en verplichtingen die voortvloeien uit een enkele transactie (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2023, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie). De wijzigingen verduidelijken hoe ondernemingen uitgestelde belastingen op transacties zoals leases en ontmantelingsverplichtingen administratief moeten verwerken. De belangrijkste wijziging in de wijzigingen is een vrijstelling van de vrijstelling van eerste opname van IAS 12. De vrijstelling voor eerste opname geldt bijgevolg niet voor transacties waarbij gelijke bedragen aan aftrekbare en belastbare tijdelijke verschillen ontstaan bij de eerste opname.
De hierboven vermelde standaarden hebben geen impact gehad op de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening.
Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie
In 2022 kreeg de Turkse economie opnieuw te maken met een snelle inflatie, waardoor de gecumuleerde inflatie van Turkije over drie jaar meer dan 100% bedroeg. Daardoor werd het noodzakelijk om over te schakelen op de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie, zoals voorgeschreven door IAS 29 - Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie. IAS 29 schrijft voor dat de resultaten van de activiteiten van de onderneming in Turkije gerapporteerd moeten worden alsof deze sterk inflatoir zijn vanaf 1 januari 2022.
Volgens IAS 29 worden de tegen historische kostprijs gewaardeerde niet-monetaire activa en passiva, het eigen vermogen en de resultatenrekening van dochterondernemingen die actief zijn in economieën met hyperinflatie, aangepast voor wijzigingen in de algemene koopkracht van de lokale valuta door toepassing van een algemene prijsindex. Deze herberekende posities worden gebruikt voor de omrekening in euro tegen de wisselkoers aan het einde van de periode. Hierdoor worden de balans en de nettoresultaten van dochterondernemingen die actief zijn in economieën met hyperinflatie, vermeld in termen van de meeteenheid die geldt op het einde van de verslagperiode.
6.2.2. Waardering in de geconsolideerde jaarrekening
Opbrengsten en kosten die ongelijkmatig voorkomen tijdens het boekjaar worden toegerekend of overgedragen in de tussentijdse financiële rapportering wanneer het gepast is om deze opbrengsten en kosten toe te rekenen of over te dragen aan het einde van de periode.
De winstbelastingen worden geboekt op basis van de raming door het management van het gewogen gemiddelde effectieve belastingtarief op jaarbasis dat voor het volledige boekjaar wordt verwacht.
6.2.3. Gebruik van kritische inschattingen en beoordelingen
Het opstellen van de tussentijdse verkorte jaarrekening houdt in dat het management beoordelingen, inschattingen en veronderstellingen moet maken die de toepassing van boekhoudkundige principes en gerapporteerde cijfers, zowel in de balans als in de resultatenrekening, beïnvloeden. De uiteindelijke resultaten kunnen afwijken van de gemaakte inschattingen.
De inschattingen en beoordelingen die een impact kunnen hebben op de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening worden hieronder opgesomd:
Liquiditeitspositie
De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van het continuïteitsbeginsel, dat ervan uitgaat dat de activa zullen worden gerealiseerd en de passiva zullen worden voldaan in de normale bedrijfsvoering. De geconsolideerde resultaten van de Groep voor 2022 vertonen een negatief resultaat, terwijl de geconsolideerde balans een positief overgedragen resultaat vertoont.
Het management heeft gedetailleerde budgetten en cash flow prognoses voor de komende jaren opgesteld, die de strategie van de Groep weerspiegelen. Het management erkent dat er onzekerheid blijft bestaan in deze kasstroomvoorspellingen, maar is ervan overtuigd dat, rekening houdend met haar beschikbare liquide middelen, kasequivalenten en faciliteiten waarover de Groep beschikt als toegezegde faciliteiten, zij over voldoende liquiditeit beschikt om haar huidige en toekomstige verplichtingen na te komen en de behoefte aan werkkapitaal te dekken.
De Groep voldeed gedurende de hele verslagperiode aan alle vereisten van de leningsconvenanten van de beschikbare kredietfaciliteiten. Ter ondersteuning van de uitvoering van de strategische herziening die in december 2021 werd bekendgemaakt, is het hefboomconvenant tijdelijk (tot 30 juni 2023) vervangen door een liquiditeitsconvenant dat de onderneming voldoende ruimte biedt.
Bijzondere waardevermindering
Jaarlijkse testen voor bijzondere waardeverminderingen worden in de loop van het vierde kwartaal uitgevoerd voor alle KGE's. Deze analyses vergelijken de boekwaarde van elke KGE met de realiseerbare waarde van de KGE's berekend op basis van een 'discounted cash flow'-model. Indien de realiseerbare waarde lager is dan de boekwaarde van de KGE, wordt er onmiddellijk een bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen in de resultatenrekening.
Als gevolg van de situatie in Rusland heeft de Groep vastgesteld dat de activiteiten in Rusland als een afzonderlijke KGE van Europa beschouwd dienen te worden. Voorts, in het kader van de herziene strategie van de Groep om de focus te verleggen op zijn activiteiten in Europa en Noord-Amerika, werden de andere KGE's herzien en concludeerde de Groep dat Centraal-Amerika als een afzonderlijke KGE beschouwd dient te worden, onafhankelijk van Noord-Amerika.
Op basis hiervan identificeert de Groep de volgende kasstroomgenererende eenheden die gebruikt worden voor de test op bijzondere waardevermindering:
- Europa
- Rusland
- Noord-Amerika
- Voor verkoop aangehouden activa
- o MEAA (Midden-Oosten, Afrika en Azië)
- o Centraal-Amerika
- o Zuid-Amerika
De test op halfjaar 2022 heeft uitgewezen dat er voor de KGE "Rusland" een bijzondere waardevermindering van 84,1 miljoen € en voor de beëindigde KGE "Centraal-Amerika" een bijzondere waardevermindering van 60,4 miljoen € moet worden opgenomen. Voor meer informatie, zie toelichting 6.4.
Voor verkoop aangehouden groep van activa die wordt afgestoten en beëindigde bedrijfsactiviteiten
Na de strategische evaluatie die eind 2021 werd aangekondigd en begin 2022 bevestigd werd, kondigde de Groep aan dat het desinvesteringsopportuniteiten zal nastreven voor de activiteiten in de "Emerging Markets".
De "Emerging Markets" worden voornamelijk gedreven door eigen merken en omvatten in hoofdzaak de Centraal- en Zuid-Amerikaanse activiteiten, alsook die in het Midden-Oosten en Afrika.
Deze activiteiten, die naar verwachting binnen 12 maanden zullen worden verkocht, zijn geclassificeerd als een groep activa die wordt afgestoten, aangehouden voor verkoop, en afzonderlijk gepresenteerd in de balans.
Vaste activa (en groepen activa die worden afgestoten) geclassificeerd als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun vorige boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten. Elk verschil tussen de boekwaarde en de reële waarde verminderd met de verkoopkosten wordt opgenomen als een bijzonder waardeverminderingsverlies. Op 30 juni 2022 worden de beëindigde KGE's (activa aangehouden voor verkoop) ongeveer gewaardeerd tegen hun reële waarde verminderd met de verkoopkosten. De afschrijving van die activa wordt stopgezet vanaf hun classificatie als aangehouden voor verkoop. De geconsolideerde balansen van voorgaande periodes worden niet herwerkt om de nieuwe classificatie van een vast actief (of groep activa die wordt afgestoten) als aangehouden voor verkoop weer te geven.
Activiteiten in Rusland
De Groep volgt de ontwikkelingen in het conflict tussen Rusland en Oekraïne op de voet, aangezien dit het vermogen van Ontex om in deze regio's te opereren verstoort. Ontex concentreert zich in de eerste plaats op de veiligheid van zijn werknemers en de Groep verleent de nodige steun. Ontex heeft verkoop- en marketingkantoren in Rusland en Oekraïne en een productie-eenheid in Noginsk, nabij Moskou.
In het eerste halfjaar van 2022 heeft de Groep een omzet gerealiseerd van ongeveer 58 miljoen € in Rusland. De vaste activa in Rusland vertegenwoordigen ongeveer 42 miljoen € van de geconsolideerde vaste activa van de Groep en omvatten voornamelijk machines en rechtop-gebruik activa (geleasde productiefaciliteiten). De productie- en commerciële activiteiten blijven nog aan de gang aangezien Ontex essentiële producten levert, echter zijn deze sterk afhankelijk van de aanvoer van de nodige grondstoffen en hulpbronnen aan de productiefaciliteit.
Vanaf het begin van de invasie van Oekraïne door Rusland heeft Ontex strenge voorwaarden gesteld aan de voortzetting van zijn activiteiten in Rusland, waaronder een investeringsstop, een stop op de export uit Rusland en de aanpassing aan de wijzigende economische sancties en verstoringen van de bevoorrading. We hebben ons bedrijfsmodel aangepast om te voldoen aan de veranderende regelgeving inzake economische sancties. Dit heeft geleid tot de toenemende autonomie van de meeste lokale activiteiten in Rusland binnen een door de groep gedefinieerd kader, waarbij de normen van Ontex inzake kwaliteit, veiligheid, financiële controles, rapportering en doelstellingen nageleefd kunnen blijven worden.
Aangezien de continuïteit van de activiteiten en de bijbehorende financiële transacties, in het kader van de wijzigende sancties, met enige onzekerheid blijft omgeven worden, heeft de groep besloten om een deel van de goodwill die aan de Russische activiteiten is toegeschreven, af te splitsen en vervolgens af te waarderen voor een bedrag van 84,1 miljoen € (zie toelichting 6.4.).
6.3. OPERATIONELE SEGMENTEN
Volgens IFRS 8 worden rapporteerbare operationele segmenten geïdentificeerd op basis van de "management approach". Deze aanpak bepaalt de externe segmentrapportering op basis van de interne organisatie en managementstructuur van de Groep alsmede de interne financiële verslaggeving aan de hoogstgeplaatste functionaris die belangrijke operationele beslissingen neemt. De activiteiten van de Groep zitten in één segment, "Hygiënische wegwerpproducten". Er zijn geen andere belangrijke bedrijfsklassen, noch individueel noch gezamenlijk. Het hoogstgeplaatste orgaan dat belangrijke operationele beslissingen neemt, de Raad van Bestuur, analyseert de bedrijfsresultaten en bedrijfsplannen en wijst middelen toe voor de hele onderneming. Daarom opereert de Groep als één segment
De belangrijkste productcategorieën zijn:
- Baby Care (Babyverzorgingsproducten), voornamelijk luiers, babybroekjes en, in mindere mate, vochtige doekjes;
- Adult Care (Incontinentieproducten voor volwassenen), zoals broekjes, luiers, incontinentiehanddoeken en bed bescherming;
- Feminine Care (Dameshygiëneproducten), zoals maandverband, inlegkruisjes en tampons.
| Eerste halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021* |
| Baby Care | 354,4 | 302,4 |
| Adult Care | 305,7 | 277,6 |
| Feminine Care | 105,3 | 93,3 |
| Overige | 15,2 | 13,6 |
| Totaal omzet | 780,6 | 686,9 |
*De omzet voor het eerste half jaar van 2021 werd aangepast als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteiten.
De activiteiten van Ontex Group zijn niet onderhevig aan significante seizoenschommelingen tijdens het jaar. Naar aanleiding hiervan werd er geen bijkomende toelichting opgenomen voor de 12 maanden periode eindigend op de tussentijdse rapporteringsdatum (IAS 34.21).
6.4. GOODWILL
De wijziging in goodwill heeft betrekking op:
- Classificatie van MEAA (Midden-Oosten, Afrika en Azië) en herclassificatie van de kasstroomgenererende eenheid (KGE) van Centraal-Amerika naar activa voorbehouden voor verkoop. (170,6 miljoen €);
- Bijzondere waardevermindering voor een bedrag van 84,1 miljoen € voor de Russische activiteit;
- Wisselkoersverschillen (winst van 4,7 miljoen €);
- Aanpassing van de openingbalans naar aanleiding van de hyperinflatie voor een bedrag van 9,5 miljoen €.
Als gevolg van de situatie in Rusland heeft de Groep vastgesteld dat de activiteiten in Rusland als een afzonderlijke KGE van Europa beschouwd dient te worden. Voorts, in het kader van de herziene strategie van de Groep om de focus te verleggen op zijn activiteiten in Europa en Noord-Amerika, werden de andere KGE's herzien en concludeerde de Groep dat Centraal-Amerika als een afzonderlijke KGE beschouwd dient te worden, onafhankelijk van Noord-Amerika.
Op basis hiervan identificeert de Groep de volgende kasstroomgenererende eenheden die gebruikt worden voor de test op bijzondere waardevermindering:
- Europa
- Rusland
- Noord-Amerika
- Voor verkoop aangehouden activa
- o Centraal-Amerika
- o MEAA (Midden-Oosten, Afrika en Azië)
- o Zuid-Amerika
Jaarlijkse testen voor bijzondere waardeverminderingen worden in de loop van het vierde kwartaal uitgevoerd voor alle KGE's. Deze analyses vergelijken de boekwaarde van elke KGE met de realiseerbare waarde van de KGE's berekend op basis van een 'discounted cash flow'-model. Indien de realiseerbare waarde lager is dan de boekwaarde van de KGE, wordt er onmiddellijk een bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen in de resultatenrekening.
Als gevolg van de huidige economische omstandigheden heeft de Groep een update uitgevoerd van de test op bijzondere waardevermindering tijdens het eerste halfjaar van 2022.
In het kader van de geleidelijke evolutie van het Ontex-bedrijfsmodel, met het oog op de volledige naleving van de toepasselijke regelgeving en sancties, die tot een verzelfstandiging van de Russische eenheid leiden, werd de goodwill van Europa (vanaf december 2021) pro rata aan Rusland toegewezen. Deze gealloceerde goodwill werd afzonderlijk op bijzondere waardevermindering getest. Dit resulteerde in de opname van een bijzonder waardeverminderingsverlies van 84,1 miljoen €.
De realiseerbare waarden van kasstroomgenererende eenheden ('KGE's') worden bepaald op basis van berekeningen van de bedrijfswaarde voor voortgezette KGE's en de reële waarde minus verkoopkosten voor de KGE's die zijn geclassificeerd als activa aangehouden voor verkoop (d.w.z. verwachte opbrengsten uit de verkoop van de KGE). De berekeningen van de bedrijfswaarde vereisen het gebruik van schattingen en veronderstellingen, waaronder macro-economische omstandigheden, vraag en concurrentie op de markten waar we actief zijn, productaanbod, productmix en -prijzen, beschikbaarheid en kosten van grondstoffen, directe en indirecte kosten, operationele marges, groeipercentages, kapitaaluitgaven en werkkapitaal, enz. zoals weerspiegeld in de financiële budgetten en strategische plannen van Ontex, alsook de disconteringsvoeten.
De gebruikte disconteringsvoeten worden hieronder samengevat:
| in % | Eerste halfjaar | Boekjaar |
|---|---|---|
| 2022 | 2021 | |
| Disconteringsvoet voor belastingen | ||
| Europa | 9,0% | 6,8% |
| Rusland | 14,7% | n.v.t. |
| Noord- & Centraal-Amerika | n.v.t. | 7,5% |
| Noord-Amerika | 7,8% | n.v.t. |
| Centraal-Amerika | 11,8% | n.v.t. |
| Midden-Oosten, Afrika & Azië | 13,7% | 12,8% |
| Zuid-Amerika | 18,1% | 16,4% |
Zoals hierboven vermeld, heeft de in het eerste halfjaar van 2022 uitgevoerde test geleid tot de opname van een bijzonder waardeverminderingsverlies van 84,1 miljoen € op de KGE "Rusland" en van 60,4 miljoen € op "Centraal-Amerika", wat de herziene strategie en prognoses weerspiegelt. Het bijzondere waardeverminderingsverlies van 144.5 miljoen € is volledig toegekend aan de goodwill.
Een sensitiviteitsanalyse toont dat de realiseerbare waarde van Europa en Noord-Amerika zou overeenstemmen met hun boekwaardes als de disconteringsvoet voor belastingen van de KGE's respectievelijk 10,7% en 12,1% zou bedragen, met alle andere parameters constant gehouden.
Kasstromen na de periode van het strategisch plan worden geëxtrapoleerd, gebruikmakend van een geraamd groeipercentage van 1,0% voor Europa, en 2,0% voor Noord-Amerika. Deze zelfde percentages worden gebruikt als perpetuele groeipercentages. De groeipercentages zijn vastgesteld door het management, maar zijn niet hoger dan de huidige marktverwachtingen waarin de voortgezette bedrijfsKGE's momenteel opereren.
Indien het groeipercentage voor één van de KGE's met 20% zou dalen, zou geen bijzondere waardevermindering moeten worden opgenomen.
Indien de geschatte operationele marges met 10% zouden dalen, zou geen bijzondere waardevermindering moeten worden opgenomen.
6.5. IMMATERIELE ACTIVA
De Groep heeft immateriële activa opgenomen voor een totaalbedrag van 4,6 miljoen €, voornamelijk met betrekking tot ITimplementatiekosten (eerste halfjaar 2021: 2,5 miljoen €) en geactiveerde ontwikkelingskosten.
De afschrijvingskosten voor de periode bedragen 4,5 miljoen € (eerste halfjaar 2021: 5,4 miljoen €).
De resterende significante mutatie van de periode heeft betrekking op bijzondere waardeverminderingsverliezen op geactiveerde ontwikkelingskosten (-84,1 miljoen €) en een transfer van de immateriële activa, als onderdeel van beëindigde activiteit, naar vaste activa aangehouden voor verkoop (15,4 miljoen €).
6.6. MATERIËLE VASTE ACTIVA
De Groep heeft afzonderlijke materiële vaste activa opgenomen voor een totaalbedrag van 18,2 miljoen €, voornamelijk met betrekking tot investeringen in uitbreidingen van de capaciteit, innovatie, investeringen om de efficiëntie te verbeteren en investeringen in de ITinfrastructuur (eerste halfjaar 2021: 19,0 miljoen €).
Bovendien heeft de Groep materiële vaste activa afgestoten voor een boekwaarde van 0,3 miljoen € (eerste halfjaar 2021: 0,5 miljoen €).
De afschrijvingskosten voor de periode bedragen 19,8 miljoen € (eerste halfjaar 2021: 25,9 miljoen €).
Bijzondere waardeverminderingsverliezen voor een bedrag van 0,8 miljoen € met betrekking tot niet-gebruikte machines werden opgenomen (Eerste halfjaar 2021: 5,8 miljoen €).
De resterende significante mutatie van de periode heeft betrekking op wisselkoersverschillen voor 13,9 miljoen € en de transfer van materiële vaste activa, als onderdeel van beëindigde activiteiten, naar vaste activa aangehouden voor verkoop (171,9 miljoen €)
De openingsbalans werd aangepast naar aanleiding van de hyperinflatie voor een bedrag van 6,5 miljoen €.
Per 30 juni 2022 heeft de Groep verplichtingen om materiële vaste activa aan te kopen voor een bedrag van 13,7 miljoen €.
6.7. RECHT-OP-GEBRUIK ACTIVA
6.7.1. Recht-op-gebruik activa
De Groep heeft nieuwe leaseovereenkomsten afgesloten voor een totale waarde van 24,6 miljoen €, voornamelijk met betrekking tot meubilair en voertuigen (eerste halfjaar 2021: 4,7 miljoen €).
Verder zijn er aanpassingen aan leaseovereenkomsten geweest voor een bedrag van ( 6,0) miljoen €.
De afschrijvingskost voor de periode bedraagt 8,4 miljoen € (eerste halfjaar of 2021: 12,6 miljoen €).
De resterende mutatie van de periode heeft betrekking op bijzondere waardeverminderingsverliezen, wisselkoersverschillen en de transfer van activa van stopgezette activiteiten, naar vaste activa aangehouden voor verkoop (13,2 miljoen €).
De openingsbalans werd aangepast naar aanleiding van de hyperinflatie voor een bedrag van 0,7 miljoen €.
6.7.2. Leaseverplichtingen
De leaseverplichtingen zijn opgenomen in de rentedragende leningen en bedragen 91,0 miljoen € onder langlopende verplichtingen en 23,2 miljoen € onder kortlopende verplichtingen (eerste halfjaar 2021: 92,1 miljoen € als langlopend en 21,5 miljoen € als kortlopend).
6.8. NETTO SCHULD
De Groep bewaakt het kapitaal op basis van de netto schuldpositie. De netto schuldpositie van de Groep wordt berekend door alle kortlopende en langlopende rentedragende schulden bij elkaar op te tellen en daar de beschikbare kortlopende liquide middelen van af te trekken.
De netto schuldpositie van de Groep voor de periodes afgesloten op 30 juni 2022 en 31 december 2021 is als volgt:
| in miljoen € | 30 juni 2022 | 31 december 2021 |
|---|---|---|
| Langlopende rentedragende schulden | 902,0 | 885,2 |
| Kortlopende rentedragende schulden | 105,1 | 87,0 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | (180,8) | (246,7) |
| Totale netto schuldpositie | 826,3 | 725,5 |
De netto schuld zoals hierboven vermeld omvat de netto schuld van de volledige Ontex Groep (zowel voortgezette als stopgezette activiteiten). Hierdoor is er geen aansluiting mogelijk tussen bovenstaande cijfers en de geconsolideerde balans.
Op 23 juni 2021 herfinancierde de Groep haar gesyndiceerde kredietfaciliteitsovereenkomst (Gesyndiceerde Termijnlening A) voor een bedrag van 220 miljoen € en een Revolving kredietfaciliteit (Niet-achtergestelde Revolving Faciliteit B) voor een bedrag van maximaal 250 miljoen €. Bovendien heeft zij een High Yield Bond (Niet-achtergestelde Obligatie) op 5 jaar uitgegeven voor een bedrag van 580 miljoen € met een coupon van 3,5%. De gesyndiceerde termijnlening A van 220 miljoen € met vervaldag 2024 heeft een rentevoet van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 2,65% (afhankelijk van de leverage). De Niet-achtergestelde Revolving Faciliteit met vervaldag 2024 heeft een rentevoet van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 2,35% (afhankelijk van de leverage) en werd voor 50,0 miljoen € opgenomen per juni 2022.
Op 29 juli 2015 werd een volledig indekkingsprogramma (total return swap) geïmplementeerd voor de op aandelen gebaseerde betalingen (LTIP). Dit indekkingsprogramma werd volledig terugbetaald in juni 2022 voor een bedrag van 31,2 miljoen €.
De totale netto schuld positie nam toe met 100 miljoen €, voornamelijk door gebruik van geldmiddelen voor de operationele activiteiten en toename in de lease verplichtingen.
6.9. VOORZIENINGEN
6.9.1. Herstructureringen
De opgenomen herstructureringsvoorziening in 2021 heeft betrekking op de lopende strategische herziening van de geografische voetafdruk, die eind 2020 van start ging en in 2021 bevestigd werd. De voorziening opgenomen per 30 juni 2022 omvat voornamelijk ontslagvergoedingen. De aanvullende voorzieningen zijn opgenomen onder "Niet-recurrente opbrengsten en kosten", onder de rubriek "Herstructurering".
6.9.2. Juridische geschillen
De Groep is betrokken in bepaalde juridische geschillen met klanten, leveranciers of voormalige werknemers die eigen zijn aan onze activiteiten.
Op 2 september 2014 werd de groep in kennis gesteld door de Spaanse nationale concurrentie commissie (CNMC) van hun onderzoek tegen 15 vennootschappen in de sector (waaronder 3 dochtervennootschappen van de groep: Ontex ES Holdco,S.A, Ontex Peninsular, S.A.U en Ontex ID, S.A U.) naar vermeende inbreuken tegen prijsafspraken en andere commerciële condities in de Spaanse afzetmarkt voor incontinentieproducten. Op 26 mei 2016, naar aanleiding van het onderzoek, heeft CNMC zijn beslissing uitgevaardigd. In de beslissing worden 8 bedrijven, waaronder Ontex' Spaanse dochtervennootschappen, schuldig bevonden aan deelname aan een kartel. Naar aanleiding van haar betrokkenheid van 1999 tot 2014, ontving Ontex een boete van 5,2 miljoen euro. Ontex heeft beroep aangetekend tegen deze beslissing. Naar aanleiding van dit geschil werd er een voorziening ten belope van 5,2 miljoen € aangelegd per 31 december 2016. De voorziening is onveranderd per 30 juni 2022.
COFECE, de Mexicaanse antitrustautoriteit, heeft een onderzoek naar onze sector uitgevoerd en bevestigd dat Mabe en bepaalde personen antitrustovertredingen hebben begaan in periodes die voorafgingen aan de overname van Grupo PI Mabe, S.A. de C.V. ("Mabe") door Ontex; tegen deze beslissing wordt beroep aangetekend wegens ongrondwettelijkheid van de opgelegde boetes. Op basis van de bevestigde bevindingen van het onderzoek (die allemaal betrekking hebben op de periode vóór de overname van Mabe door Ontex) en in het licht van de contractuele voorwaarden van de overname van Mabe, verwacht de Groep niet dat dit tot netto financiële kosten voor haar zal leiden.
Ontex Hygienic Disposables PLC (Ethiopië), 100% dochteronderneming van de groep, verdedigt momenteel een binnenlands geschil als gevolg van een aanslag douanerechten en belastingen van de Ethiopische douanecommissie met betrekking tot geïmporteerde grondstoffen. We hebben een aanvraag tot herziening van het vonnis ingediend met bewijsmateriaal en steun van de relevante autoriteiten (d.w.z. het Ethiopische Ministerie van Industrie en de Ethiopische Investeringscommissie) en wachten op een antwoord. Per juni 2022 werd een voorziening aangelegd ten belope van 1,0 miljoen €.
De Groep is momenteel van mening dat de bepalingen van de overige geschillen en claims, individueel of samen, geen belangrijke negatieve impact zou hebben op de geconsolideerde financiële situatie, resultaten van de activiteiten of liquiditeit.
6.10. VOOR VERKOOP AANGEHOUDEN GROEP VAN ACTIVA DIE WORDT AFGESTOTEN EN BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN
Na de strategische evaluatie die eind 2021 werd aangekondigd en begin 2022 bevestigd werd, kondigde de Groep aan dat het desinvesteringsopportuniteiten zal nastreven voor de activiteiten in de "Emerging Markets".
De "Emerging Markets" worden voornamelijk gedreven door eigen merken en omvatten in hoofdzaak de Centraal- en Zuid-Amerikaanse activiteiten, alsook die in het Midden-Oosten en Afrika.
Deze activiteiten, die naar verwachting binnen 12 maanden zullen worden verkocht, zijn geclassificeerd als een groep activa die wordt afgestoten, aangehouden voor verkoop, en afzonderlijk gepresenteerd in de balans. Als gevolg hiervan worden de stopgezette activiteiten voorgesteld als één rubriek in de verkorte tussentijdse jaarrekening, zoals hieronder gedetailleerd. De balansposities van de stopgezette activiteiten worden opgenomen aan de laagste waarde van de boekwaarde en de reële waarde min verkoopkosten, zoals voorgeschreven door IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten.
De bijbehorende activa en passiva worden bijgevolg vanaf 1 januari 2022 gepresenteerd als aangehouden voor verkoop. De daarmee verband houdende financiële resultaten worden gerapporteerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten.
Voor verkoop aangehouden activa en beëindigde bedrijfsactiviteiten:
Om de netto activa op te nemen aan de laagste waarde van de boekwaarde en de reële waarde min stopzettingskosten, werd bij de transfer naar voor verkoop aangehouden activa, een bijzondere waardevermindering erkend voor een bedrag van 60,4 miljoen €.
Verwacht wordt dat de opbrengst van de verkoop hoger zal zijn dan de boekwaarde van de betrokken netto activa en bijgevolg zijn geen bijkomende bijzondere waardeverminderingsverliezen opgenomen bij de classificatie van deze activiteiten als aangehouden voor verkoop.
De belangrijkste categorieën activa en passiva die deel uitmaken van de bedrijfsactiviteiten die zijn geclassificeerd als aangehouden voor verkoop zijn als volgt:
| AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP | |
|---|---|
| in miljoen € | 30 juni 2022 |
| Vaste activa | |
|---|---|
| Goodwill | 131,8 |
| Immateriële activa | 17,0 |
| Materiële vaste activa | 194,7 |
| Recht-op-gebruik activa | 15,6 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 0,8 |
| Overige vaste activa | 3,8 |
| 363,7 |
| Voorraden | 135,4 |
|---|---|
| Handelsvorderingen | 106,1 |
| Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | 43,5 |
| Actuele belastingvorderingen | 9,9 |
| Afgeleide financiële activa | 1,2 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 65,7 |
| 361,9 | |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 725,6 |
Langlopende verplichtingen
Vlottende activa
| Voorzieningen m.b.t. personeelsbeloningen | 2,0 |
|---|---|
| Rentedragende leningen | 20,9 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 11,4 |
34,4
| Kortlopende verplichtingen | |
|---|---|
| Rentedragende leningen | 22,2 |
| Afgeleide financiële verplichtingen | 1,0 |
| Handelsschulden | 155,0 |
| Toegerekende kosten en overige schulden | 19,8 |
| Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 12,0 |
| Actuele belastingverplichtingen | 6,6 |
| Voorzieningen | 1,9 |
| 218,4 | |
| Verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 252,8 |
De gecumuleerde wisselkoersverliezen van de beëindigde bedrijfsactiviteit worden opgenomen in het geconsolideerde resultatenrekening en bedroegen 293,3 miljoen € per 30 juni 2022.
Resultatenrekening
De resultaten van de beëindigde bedrijfsactiviteiten, die zijn opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening, zijn als volgt:
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021 |
| Omzet | 371,1 | 293,7 |
| Operationele kosten (excl. afschrijvingen) | (361,4) | (277,4) |
| Recurrente EBITDA | 9,7 | 16,3 |
| Opbrengsten en kosten gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en herstructurering | (69,0) | (3,0) |
| EBITDA | (59,3) | 13,4 |
| Afschrijvingen | - | (10,9) |
| Financieel resultaat | (7,3) | (2,1) |
| Winst/(verlies) vóór winstbelastingen | (66,6) | 0,3 |
| Winstbelastingen | (5,0) | (0,3) |
| Winst/(verlies) voor de periode uit beëindigde activiteiten* | (71,6) | 0,0 |
*Waarvan Hyperinflatie impact van -5,4 miljoen € in 2022
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| Winst per aandeel (€) | 2022 | 2021 |
| Voor beëindigde activiteiten | ||
| Gewone winst per aandeel | (0,87) | 0,00 |
| Verwaterde winst per aandeel | (0,87) | 0,00 |
Kasstromen
Het kasstroomoverzicht voor de periode van 6 maanden eindigend op 30 Juni 2022 en 2021:
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021 |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) operationele activiteiten | 27,0 | (3,2) |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) investeringsactiviteiten | (11,1) | (5,1) |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) financieringsactiviteiten | (14,4) | 23,0 |
| NETTO TOENAME / (AFNAME) GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 1,5 | 14,7 |
| Cumulatieve wisselkoersverschillen op mutaties in geldmiddelen | 3,1 | (0,4) |
Hyperinflatie in Turkije
In het eerste halfjaar van 2022 kreeg de Turkse economie opnieuw te maken met een snelle inflatie, waardoor de gecumuleerde inflatie van Turkije over drie jaar meer dan 100% bedroeg. Daardoor werd het noodzakelijk om over te schakelen op de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie, zoals voorgeschreven door IAS 29_Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie, vanaf 1 januari 2022.
Het voornaamste beginsel van IAS 29 is dat de jaarrekening van een entiteit die rapporteert in de valuta van een economie met hyperinflatie, moet worden opgesteld in termen van de meeteenheid die geldt aan het einde van de verslagperiode. Daarom worden de tegen historische kostprijs gewaardeerde niet-monetaire activa en verplichtingen, het eigen vermogen en de resultatenrekeningen van dochterondernemingen die actief zijn in een economie met hyperinflatie, aangepast voor wijzigingen in de algemene koopkracht van de lokale valuta door toepassing van een algemene prijsindex. Monetaire posten die aan het einde van de verslagperiode reeds tegen de meeteenheid zijn gewaardeerd, worden niet herberekend. Deze herberekende posities worden gebruikt voor de omrekening in euro tegen de wisselkoers aan het einde van de periode.
Bijgevolg heeft de Groep in deze tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening voor het eerst hyperinflatieboekhouding toegepast voor haar Turkse dochteronderneming, waarbij de IAS 29-regels als volgt worden toegepast:
-
Hyperinflatieboekhouding werd toegepast vanaf 1 januari 2022;
-
Niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd tegen historische kostprijs (bv. materiële vaste activa, immateriële activa, goodwill, enz.) en het eigen vermogen van Turkije werden aangepast aan de hand van de officiële consumptie index die door het Turkse bureau voor statistiek TUIK is gepubliceerd. De hyperinflatie-effecten als gevolg van wijzigingen in de algemene koopkracht tot 31 december 2021 werden gerapporteerd in de overgedragen resultaten, de effecten van wijzigingen in de algemene koopkracht vanaf 1 januari 2022 worden gerapporteerd via de resultatenrekening in de netto financiële kosten;
-
De resultatenrekening wordt aan het einde van elke verslagperiode aangepast aan de hand van de wijziging van de algemene prijsindex en wordt omgerekend tegen de slotkoers van elke periode (in plaats van de gemiddelde koers voor niet-hyperinflatoire economieën);
-
De resultatenrekening en de balans van het vorige jaar zijn niet aangepast.
In de eerste zes maanden van 2022 vertegenwoordigde de Turkse activiteit 13,82% van de totale omzet van de Groep van beëindigde activiteiten en 10,13% van het totaal resultaat uit beëindigde activiteiten.
In de voor verkoop aangehouden netto activa, 472,8 miljoen €, zoals hierboven voorgesteld, bedraagt de impact van de hyperinflatie 28,5 miljoen €.
6.11. NIET-RECURRENTE OPBRENGSTEN EN KOSTEN
| Eerste halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021* | |
| Herstructurering | (3,9) | (9,5) | |
| Aan overname en verkoop gerelateerde kosten | (0,3) | (1,0) | |
| Opbrengsten en kosten gerelateerd aan wijzigingen in groepsstructuur | (4,2) | (10,6) | |
| Bijzondere waardeverminderingen op activa | (84,9) | (8,4) | |
| Geschillen en juridische claims | (0,1) | (2,4) | |
| Overige | (0,6) | 1,2 | |
| Opbrengsten en kosten gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen |
(85,6) | (9,5) | |
| Totaal niet-recurrente opbrengsten en kosten | (89,7) | (20,1) |
* De niet-recurrente opbrengsten en kosten zijn aangepast als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteit.
Kosten die opgenomen zijn onder de rubriek niet-recurrente opbrengsten en kosten zijn die kosten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de gewone bedrijfsactiviteiten van de Onderneming. De Groep heeft deze classificatie overgenomen voor een beter begrip van de recurrente financiële prestaties van de Groep.
Deze niet-recurrente opbrengsten en kosten worden als volgt gepresenteerd in de geconsolideerde resultatenrekening:
- Opbrengsten en kosten met betrekking tot wijzigingen in de groepsstructuur; en
- Opbrengsten/(Kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen
6.11.1. Opbrengsten en kosten gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur
Herstructurering
De herstructureringskosten omvatten uitgaven in verband met de opening van de nieuwe fabriek van de Groep in Stokesdale (V.S.) ten belope van 1,8 miljoen € en kosten in verband met de herstructureringsuitgaven in het kader van kostenverlagingsprogramma's in de activiteiten en de algemene en administratieve kosten ten belope van 1,7 miljoen € (in 2021 aangepast: € 8,7 miljoen).
6.11.2. Opbrengsten en kosten gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen Bijzondere waardevermindering van activa
In 2022 omvatten de bijzondere waardeverminderingen voornamelijk de waardevermindering op de goodwill gealloceerd aan de activiteiten in Rusland, naar aanleiding van de testing op bijzondere waardevermindering (84,1 miljoen €). We verwijzen hiervoor naar toelichting 6.4.
In 2021 omvatten de bijzondere waardeverminderingen voornamelijk bijzondere waardeverminderingen opgenomen op machines in het kader van de kostenverlagingsprogramma's voor verbetering van het kostenconcurrentievermogen.
De bijzondere waardevermindering m.b.t. de KGE Centraal-Amerika (zie toelichting 6.4) wordt weergegeven in de goodwill onder 'voor verkoop aangehouden activa' (zie toelichting 6.10).
Geschillen
De Groep heeft specifieke juridische kosten opgelopen in het kader van bepaalde lopende of potentiële geschillen waarvan wordt verwacht dat zij zullen resulteren in een potentieel voordeel voor de Groep of in de vermijding van potentiële toekomstige uitgaven.
6.12. NETTO FINANCIELE KOSTEN
De verschillende componenten van de netto financiële kosten zijn de volgende:
| Eerste halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021* |
| Interesten op vlottende activa | 0,4 | 0,3 |
| Financiële opbrengsten | 0,4 | 0,3 |
| Interesten op rentedragende groepsleningen | (13,6) | (8,5) |
| Afschrijvingen van financieringskosten | (1,3) | (5,8) |
| Interesten op andere leningen en andere verplichtingen | (3,6) | (3,1) |
| Interestkosten | (18,6) | (17,4) |
| Bankkosten | (0,6) | (0,6) |
| Vergoeding voor factoring | (0,6) | (0,4) |
| Verliezen op afgeleide instrumenten en deports termijncontracten | (1,0) | (0,2) |
| Overige | (1,8) | (2,5) |
| Financiële kosten | (22,5) | (21,2) |
| Financiële opbrengsten volgens de resultatenrekening | 0,4 | 0,3 |
| Financiële kosten volgens de resultatenrekening | (22,5) | (21,2) |
| Nettowisselkoersverschillen op financieringsactiviteiten | (0,1) | (0,7) |
| Netto financiële kosten volgens de resultatenrekening | (22,1) | (21,6) |
*De geconsolideerde resultatenrekening van 2021 werd aangepast als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteit
De herfinanciering in juli 2021 resulteerde in een verlies als gevolg van de toepassing van de geamortiseerde kostprijs voor een bedrag van 4,1 miljoen € (versnelde afschrijving van de financieringskosten), opgenomen in netto financiële kosten in de geconsolideerde resultatenrekening voor de periode eindigend op 30 juni 2021.
Bovendien resulteerde de herfinanciering van 2021 in een hogere rentevoet op de schuld, voornamelijk als gevolg van de rentevoet op de 5 jarige High Yield Bond ('Senior Notes') met een coupon van 3,5% en een hogere marge op de Syndicated Term Loan A met een marge van 2,65% (afhankelijk van het hefboomeffect).
De Senior Revolving Facility met looptijd tot 2024 heeft een rentevoet van EURIBOR 3 maanden + marge van 2,35% (afhankelijk van het hefboomeffect), 50 miljoen € werd opgenomen per einde juni 2022.
6.13. WINST PER AANDEEL
Overeenkomstig IAS 33 wordt de gewone winst per aandeel berekend door het nettoresultaat van de periode, toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij, te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens de periode. Het aantal aandelen dat werd gebruikt voor 2021was 80.894.617 , wat overeenstemt met gewogen gemiddeld aantal aandelen voor het eerste halfjaar 2021. Het aantal aandelen dat werd gebruikt voor het eerste halfjaar 2022 was 82.347.218 , wat overeenstemt met gewogen gemiddeld aantal aandelen voor 2022.
De verwaterde winst per aandeel dient berekend te worden door het nettoresultaat van de periode, toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij (na aanpassing van de effecten van alle potentiële verwaterde gewone aandelen), te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens de periode, vermeerderd met het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen dat zou worden uitgegeven bij een omzetting van alle mogelijke gewone aandelen die tot verwatering kunnen leiden in gewone aandelen.
In het geval van Ontex Group NV is er geen effect van verwatering op het nettoresultaat toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen. Onderstaande tabel geeft de gegevens weer op het vlak van resultaat en aantal aandelen die gebruikt worden voor de berekening van de gewone en verwaterde winst per aandeel:
| Eerste halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021* |
| Gewone winst | ||
| Winst/(verlies) uit voortgezette activiteiten toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de Vennootschap |
(99,7) | 7,2 |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de Vennootschap | (171,4) | 7,2 |
| Aanpassing verwatering | - | - |
| Winst/(verlies) uit voortgezette activiteiten toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de Vennootschap, na verwateringseffect |
(99,7) | 7,2 |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de Vennootschap, na verwateringseffect |
(171,4) | 7,2 |
*De geconsolideerde resultatenrekening van 2021 werd herzien als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteit.
| Eerste halfjaar | ||
|---|---|---|
| Aantal aandelen | 2022 | 2021 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen tijdens de periode | 82.347.218 | 80.894.617 |
| Verwatering | 136.031 | 168.546 |
| Eerste halfjaar | ||
|---|---|---|
| Winst per aandeel (€) | 2022 | 2021 |
| Voor voortgezette activiteiten | ||
| Gewone winst per aandeel | (1,21) | 0,09 |
| Verwaterde winst per aandeel | (1,21) | 0,09 |
| Recurrente gewone winst per aandeel | (0,14) | 0,27 |
| Recurrente verwaterde winst per aandeel | (0,14) | 0,27 |
| Voor voortgezette en beëindigde activiteiten | ||
| Gewone winst per aandeel | (2,08) | 0,09 |
| Verwaterde winst per aandeel | (2,08) | 0,09 |
Een gewogen gemiddeld aantal van 3.379.603 instrumenten werden niet opgenomen in de noemer van de verwaterde winst per aandeel aangezien zij 'out-of-the-money' waren op het einde van 30 juni 2022 (2021: 2.115.565 verwaterende instrumenten). Voor meer informatie verwijzen we naar Toelichting 6.14 met betrekking tot op aandelen gebaseerde betalingen.
6.14. OP AANDELEN GEBASEERDE BETALINGEN
De Groep heeft lange termijn beloningsplannen ("LTIP") geïmplementeerd die gebaseerd zijn op een combinatie van aandelenopties (verder "Opties" genoemd), voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (verder "RSU's – Restricted Stock Units" genoemd) en prestatiegerichte aandelen-eenheden (verder "PSU's - performance stock units" genoemd), samen de Instrumenten. De Opties, RSU's en PSU's worden gewaardeerd als op aandelen gebaseerde betalingen die in eigen vermogensinstrumenten worden afgewikkeld. De Instrumenten kunnen enkel onvoorwaardelijk eigendom worden drie jaar na de toekenning en opties die het recht geven om aandelen te ontvangen van de Groep (verder genoemd de "Aandelen") of enig ander recht om aandelen te ontvangen kunnen pas uitgeoefend worden drie jaar na de toekenning. Voor de PSU's dienen eveneens markt- en niet-marktgerelateerde voorwaarden voldaan worden om onvoorwaardelijk toegekend te worden. De toekenning van de plannen zal onvoorwaardelijk toegekend worden op voorwaarde dat de deelnemer in dienst blijft. De aandelenprijs wordt beschouwd als de relevante performantie-indicator en het onvoorwaardelijk toekennen van de plannen zal niet onderhevig zijn aan bijkomende specifieke performantie-indicatoren. De statuten kunnen de Groep toelaten om van deze regel af te wijken in overeenstemming met het Belgisch Wetboek van Vennootschappen.
De uitoefenprijs van de Opties zal gelijk zijn aan de laatste slotkoers van het aandeel die onmiddellijk voorafgaat aan de datum van het toekennen van de optie. Voor de opties zal de uitoefenperiode starten op de datum waarop ze onvoorwaardelijk zijn geworden ("vesting date").
De onderliggende aandelen van de RSU's en PSU's worden toegekend zonder vergoeding zo snel als mogelijk na de datum van onvoorwaardelijk worden ("vesting date") van de RSU's en PSU's.
Wanneer de RSU's en PSU's onvoorwaardelijk zijn geworden, worden de onderliggende aandelen van de RSU's en PSU's getransfereerd naar de deelnemers. Op het moment van het onvoorwaardelijk worden, mogen de opties uitgeoefend worden tot hun vervaldatum (8 jaar na de datum van toekenning).
Tijdens de periode werd een nieuw LTIP-plan toegekend bestaande uit 611.477 PSU's, waarvan 3.596 instrumenten zijn opgegeven per 30 juni 2022. De instrumenten zijn uitoefenbaar op het moment dat ze onvoorwaardelijk worden. Dit nieuwe LTIP-plan heeft volgende kenmerken
| Vervaldatum | Uitoefenprijs per optie (€) |
Aantal instrumenten | |
|---|---|---|---|
| LTIP 2022 | 2024 | n.v.t. | 393081 |
| PSU's | 2025 | n.v.t. | 611.477 |
De reële waarde van het nieuwe LTIP-plan is bepaald aan de hand van een stochastisch waarderingsmodel op basis van de Black&Scholesmethodologie, aangezien de PSU's ook een marktvoorwaarde bevatten. De verwachte volatiliteit die in het model wordt gebruikt, is gebaseerd op de historische volatiliteit van de Onderneming.
Hieronder vindt u een overzicht van alle parameters die in dit model worden gebruikt:
| LTIP 2022 | |
|---|---|
| Uitoefenprijs (€) | - |
| Verwachte volatiliteit van de aandelen (%) | 39,01% |
| Verwacht rendement van de aandelen (%) | 4,10% |
| Risicovrije rentevoet (%) | 0,00% |
De sociale lasten met betrekking tot het LTIP worden voorzien over de looptijd.
6.15. FINANCIËLE INSTRUMENTEN
Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle financiële instrumenten per categorie in overeenstemming met IFRS 9, van de reële waarde van elk instrument evenals de hiërarchie van de reële waarde:
| 30 juni 2022 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Aangewezen in een afdekkings- relatie |
Tegen geamortiseerde kostprijs |
Reële waarde | Niveau reële waarde |
| Langlopende vorderingen | 0,2 | 0,2 | Niveau 2 | |
| Handelsvorderingen | 190,4 | 190,4 | Niveau 2 | |
| Overige vorderingen | 48,6 | 48,6 | Niveau 2 | |
| Afgeleide financiële activa | 9,9 | 9,9 | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 115,0 | 115,0 | Niveau 2 | |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop |
725,6 | 725,6 | Niveau 3 | |
| Totaal Financiële activa | 9,9 | 1.079,8 | 1.089,7 | |
| Rentedragende leningen - langlopend | 881,0 | 777,1 | ||
| Niet-achtergestelde obligaties | 573,0 | 465,8 | Niveau 1 | |
| Gesyndiceerde termijnlening A > 1 jaar | 216,8 | 220,0 | Niveau 2 | |
| Lease & overige verplichtingen | 91,3 | 91,3 | Niveau 2 | |
| Vreemde valutatermijncontracten | 0,5 | 0,5 | Niveau 2 | |
| Overige schulden - langlopend | 0,3 | 0,3 | Niveau 2 | |
| Rentedragende leningen - kortlopend | 82,9 | 82,9 | ||
| Gesyndiceerde termijnlening A < 1 jaar | 50,0 | 50,0 | Niveau 2 | |
| Toerekenbare interesten - overige | 9,8 | 9,8 | Niveau 2 | |
| Lease & overige verplichtingen | 23,2 | 23,2 | Niveau 2 | |
| Handelsschulden | 425,3 | 425,3 | Niveau 2 | |
| Overige schulden - kortlopend | 24,9 | 24,9 | Niveau 2 | |
| Verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop |
252,8 | 252,8 | Niveau 3 | |
| Totaal Financiële verplichtingen | 0,5 | 1.667,3 | 1.563,8 |
| 31 december 2021 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Aangewezen in een afdekkings- relatie |
Tegen geamortiseerde kostprijs |
Reële waarde | Niveau reële waarde |
| Langlopende vorderingen | 3,5 | 3,5 | Niveau 2 | |
| Handelsvorderingen | 269,8 | 269,8 | Niveau 2 | |
| Overige vorderingen | 69,2 | 69,2 | Niveau 2 | |
| Afgeleide financiële activa | 5,3 | 5,3 | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 246,7 | 246,7 | Niveau 2 | |
| Totaal Financiële activa | 5,3 | 589,3 | 594,6 | |
| Rentedragende leningen - langlopend | 885,2 | 870,9 | ||
| Niet-achtergestelde obligaties | 572,1 | 554,2 | Niveau 1 | |
| Gesyndiceerde termijnlening A > 1 jaar | 216,3 | 220,0 | Niveau 2 | |
| Lease & overige verplichtingen | 96,7 | 96,7 | Niveau 2 | |
| Afgeleide financiële verplichtingen | 4,1 | 4,1 | ||
| Overige schulden - langlopend | 0,2 | 0,2 | Niveau 2 | |
| Rentedragende leningen - kortlopend | 87,0 | 87,0 | ||
| Toerekenbare interesten - overige | 10,4 | 10,4 | Niveau 2 | |
| Total return swap | 31,2 | 31,2 | Niveau 2 | |
| Lease & overige verplichtingen | 45,4 | 45,4 | Niveau 2 | |
| Handelsschulden | 532,6 | 532,6 | Niveau 2 | |
| Overige schulden - kortlopend | 39,0 | 39,0 | Niveau 2 | |
| Totaal Financiële verplichtingen | 4,1 | 1.544,0 | 1.533,8 |
De reële waarde van een afgeleid financieel instrument wordt geklasseerd als langlopend actief of verplichting indien de resterende looptijd van de ingedekte post langer is dan 12 maanden, en als kortlopend actief of verplichting indien de looptijd van de ingedekte post minder is dan 12 maanden.
De waardering van de reële waarde van alle derivaten die verhandeld worden, is gebaseerd op inputs van niveau 2, zoals gedefinieerd onder IFRS 7.27, d.w.z. inputs die waarneembaar zijn voor het actief of de verplichting, hetzij direct (d.w.z. als prijzen) hetzij indirect (d.w.z. afgeleid van prijzen).
De bovenstaande tabel geeft een analyse van de financiële instrumenten weer, gegroepeerd van Niveaus 1 tot 3 op basis van de mate waarin de reële waarde (opgenomen in de balans of in de toelichtingen) waarneembaar is:
- Niveau 1 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op genoteerde (niet-aangepaste) koersen op actieve markten voor identieke activa of schulden.
- Niveau 2 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op andere inputs dan genoteerde koersen opgenomen onder Niveau 1 die waarneembaar zijn voor activa of schulden, hetzij direct (bijvoorbeeld zoals marktprijzen), hetzij indirect (bijvoorbeeld afgeleid van marktprijzen).
- Niveau 3 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op waarderingstechnieken waarbij het laagste niveau van informatie dat invloed heeft op de waardering tegen reële waarde niet is waar te nemen (niet-waarneembare inputs).
De reële waarde van financiële activa en financiële verplichtingen is gebaseerd op wiskundige modellen die de waarneembare marktgegevens gebruiken en wordt als volgt bepaald:
- De reële waarde van financiële activa en financiële verplichtingen met standaard voorwaarden en die verhandeld worden op actieve, liquide markten, wordt bepaald aan de hand van genoteerde marktprijzen (inclusief genoteerde aflosbare obligaties).
- De reële waarde van de afgeleide financiële instrumenten wordt berekend op basis van genoteerde prijzen. Indien deze prijzen niet beschikbaar zijn, wordt een gedisconteerde kasstroomanalyse uitgevoerd met behulp van de toepasselijke rendementscurve voor de looptijd van de instrumenten voor niet-optionele derivaten en optiewaarderingsmodellen voor optionele derivaten. Valutatermijncontracten worden gewaardeerd op basis van genoteerde termijnwisselkoersen en rendementscurven afgeleid van genoteerde rentevoeten met gelijkwaardige looptijden als de contracten. Renteswaps worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de geschatte en gedisconteerde toekomstige kasstromen op basis van de van toepassing zijnde rendementscurven afgeleid van genoteerde rentevoeten.
- De reële waarden van andere financiële activa en financiële verplichtingen (met uitzondering van diegene hierboven beschreven) worden bepaald in overeenstemming met de algemeen aanvaarde waarderingsmodellen op basis van een gedisconteerde kasstroomanalyse.
- Niveau 3 verplichtingen: het bedrag is bepaald op basis van contractuele bepalingen.
6.16. VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN
De Groep is betrokken bij een aantal geschillen met betrekking tot milieuzaken, contracten, productaansprakelijkheid, octrooien (of intellectuele eigendom), werkgelegenheid en andere claims in verband met onze bedrijfsactiviteiten.
De Groep is momenteel van oordeel dat alle claims en geschillen, individueel of gezamenlijk, geen materieel nadelig effect zullen hebben op onze geconsolideerde balans, bedrijfsresultaten of liquiditeit.
6.17. TRANSACTIES MET VERBONDEN PARTIJEN
Er zijn geen belangrijke transacties met verbonden partijen tijdens het eerste halfjaar van 2022.
De verloning van de leden van de Raad van Bestuur wordt op jaarbasis bepaald en daarom zijn er geen verdere details opgenomen in deze tussentijdse rapportering.
6.18. GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM
Ontex Group NV heeft een bindende overeenkomst gesloten om zijn Mexicaanse bedrijfsactiviteiten te verkopen aan Softys S.A., een volledige dochteronderneming van Empresas CMPC S.A., met hoofdzetel in Chili. De transactie omvat de activiteiten van Ontex in Mexico en de daarmee verband houdende export naar regionale markten, alsook de productiefaciliteit in Puebla. De fabriek in Tijuana blijft binnen de portefeuille van Ontex en maakt integraal deel uit van de Noord-Amerikaanse toeleveringsketen van Ontex.
De transactie is gebaseerd op een ondernemingswaarde van MXN \$5.950 miljoen (of circa €285 miljoen tegen de huidige wisselkoers). Dit omvat een uitgestelde betaling van MXN 500 miljoen, gespreid over een maximum van vijf jaar. De netto-opbrengst in contanten wordt geraamd op ongeveer €250 miljoen, na aftrek van belastingen, transactiekosten en balansaanpassingen, en is afhankelijk van de afsluitingsvoorwaarden. De afsluiting van de transactie is voorzien begin 2023, en is onderhevig aan de gewoonlijke voorwaarden, inclusief de fusievoorwaarden die van toepassing zijn.
6.19. ALTERNATIEVE PERFORMANTIE-INDICATOREN
Alternatieve performantie-indicatoren (niet-IFRS maatstaven) worden opgenomen in de financiële rapportering omdat het management ervan overtuigd is dat deze veel gebruikt worden door bepaalde investeerders, beursanalisten en andere belanghebbenden als bijkomende maatstaf voor het beoordelen van prestaties en liquiditeit. De alternatieve performantie-indicatoren kunnen in sommige gevallen niet vergelijkbaar zijn met gelijkaardig genoemde indicatoren van andere ondernemingen en hebben hun beperkingen als analytisch instrument. Ze mogen niet afzonderlijk beschouwd worden of ter vervanging van de analyse van onze operationele resultaten, onze performantie of onze liquiditeit onder IFRS.
6.19.1. Niet-recurrente opbrengsten en kosten
De componenten die opgenomen zijn onder de rubriek niet-recurrente opbrengsten en kosten zijn deze componenten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de transacties, projecten en aanpassingen van de waarde van activa en passiva binnen het kader van de gewone bedrijfsactiviteiten van de Groep. Deze opbrengsten en kosten worden afzonderlijk gepresenteerd omdat ze belangrijk zijn voor een goed begrip door de gebruikers van de geconsolideerde jaarrekening van de "normale" prestaties van de Groep vanwege hun omvang of aard. De niet-recurrente opbrengsten en kosten hebben betrekking op:
- Kosten verbonden aan overnames;
- Wijzigingen in de waardering van de voorwaardelijke vergoedingen in het kader van bedrijfscombinaties;
- Wijzigingen in de groepsstructuur, kosten met betrekking tot herstructurering van de activiteiten, met inbegrip van kosten die betrekking hebben op de vereffening van dochterondernemingen en de sluiting, opening of verplaatsing van fabrieken;
- Bijzondere waardeverminderingen op activa en significante geschillen.
Niet-recurrente opbrengsten en kosten van de Groep voor het eerste halfjaar eindigend op 30 juni bestaan uit volgende componenten in de geconsolideerde resultatenrekening en kunnen gereconcilieerd worden in toelichting 6.11.:
- Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur; en
- Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen.
6.19.2. EBITDA en recurrente EBITDA
EBITDA wordt gedefinieerd als nettoresultaat vóór aftrek van netto financiële kosten, winstbelastingen, afschrijvingen. Recurrente EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA plus niet-recurrente opbrengsten en kosten.
De aansluiting van de EBITDA en de recurrente EBITDA van de Groep voor de periode afgesloten op 30 juni zijn als volgt:
| Eerste halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021* | |
| Bedrijfsresultaat | (84,5) | 31,5 | |
| Afschrijvingen | 34,5 | 33,0 | |
| EBITDA | (50,0) | 64,5 | |
| Niet-recurrente opbrengsten en kosten | 89,7 | 20,1 | |
| Recurrente EBITDA | 39,7 | 84,6 |
*De geconsolideerde resultatenrekening 2021 werd aangepast als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteit.
6.19.3. Netto financiële schuld/ LTM Recurrente EBITDA ratio (Leverage)
Netto financiële schuld wordt berekend door de korte termijn- en lange termijnschuld op te tellen en de geldmiddelen en kasequivalenten af te trekken, dit voor de volledige Ontex Groep (zowel voortgezette als beëindigde activiteiten).
LTM recurrente EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA plus niet-recurrente opbrengsten en kosten voor de laatste twaalf maanden (LTM), dit voor de volledige Ontex Groep (zowel voortgezette als beëindigde activiteiten).
De Netto financiële schuld/LTM Recurrente EBITDA ratio van de Groep zijn als volgt voor de periodes afgesloten op:
| in miljoen € | 30 juni 2022 | 31 december 2021 |
|---|---|---|
| Langlopende rentedragende schulden | 902,0 | 885,2 |
| Kortlopende rentedragende schulden | 105,1 | 87,0 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | (180,8) | (246,7) |
| Totale netto schuldpositie | 826,3 | 725,5 |
| LTM Recurrente EBITDA | 120,7 | 172,2 |
| Netto financiële schuldpositie/LTM Recurrente EBITDA Ratio | 6,8 | 4,2 |
6.19.4. Vrije Kasstroom
De Vrije kasstroom gedefinieerd als de nettokasstroom uit operationele activiteiten (zoals gepresenteerd in het geconsolideerde kasstroomoverzicht, d.i. met inbegrip van de betaalde winstbelastingen) minus investeringsuitgaven (waarbij de investeringsuitgaven gedefinieerd worden als aankopen van materiële vaste activa en immateriële activa), minus terugbetaling van de leaseverplichtingen en met inbegrip van de kasstroom (gebruikt in)/uit verkoop van materiële vaste en immateriële activa.
De vrije kasstroom van de Groep voor de periode afgesloten op 30 juni is als volgt:
| Eerste halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021* |
| Bedrijfsresultaat | (84,5) | 31,5 |
| Afschrijvingen | 34,5 | 33,0 |
| EBITDA | (50,0) | 64,5 |
| EBITDA uit beëndigde activiteiten | (59,3) | 13,4 |
| Niet-monetaire elementen en elementen verbonden aan investerings- en financieringsactiviteiten | 132,7 | 8,2 |
| Wijzigingen in werkkapitaal | ||
| Voorraden | (36,9) | 3,1 |
| Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | (29,4) | (9,1) |
| Handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden | 32,3 | (11,4) |
| Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 2,1 | (3,6) |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | (8,5) | 64,9 |
| Betaalde winstbelastingen | (11,3) | (8,7) |
| Nettokasstroom uit operationele activiteiten | (19,8) | 56,3 |
| Investeringsuitgaven | (27,0) | (23,0) |
| Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste en immateriële activa | (0,1) | 0,3 |
| Terugbetaling van leaseverplichtingen | (12,0) | (11,5) |
| Vrije Kasstroom | (58,9) | 22,1 |
*De geconsolideerde resultatenrekening 2021 werd aangepast als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteit.
6.19.5. Recurrente gewone winst & recurrente gewone winst per aandeel
Recurrente gewone winst wordt gedefinieerd als winst voor de periode plus niet-recurrente opbrengsten en kosten en belastingseffect op niet-recurrente opbrengsten en kosten, toewijsbaar aan de aandeelhouders van de Groep.
Recurrente gewone winst per aandeel is recurrente gewone winst gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen
| Eerste halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2022 | 2021* | |
| Recurrente gewone winst | |||
| Winst voor de periode toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen | (99,7) | 7,2 | |
| Totale niet-recurrente opbrengsten en kosten | 89,7 | 20,1 | |
| Belastingscorrectie | (1,2) | (5,3) | |
| Recurrente gewone winst | (11,2) | 22,0 | |
| Aanpassing verwatering | - | - | |
| Recurrente gewone winst, na verwatering | (11,2) | 22,0 |
*De geconsolideerde resultatenrekening 2021 werd aangepast als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteit.
| Eerste halfjaar | ||
|---|---|---|
| Aantal aandelen | 2022 | 2021 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen tijdens de periode | 82.347.218 | 80.894.617 |
| Verwatering | 136.031 | 168.546 |
| Eerste halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| Winst per aandeel (€) | 2022 | 2021* | |
| Recurrente gewone winst per aandeel | (0,14) | 0,27 | |
| Recurrente verwaterde winst per aandeel | (0,14) | 0,27 |
*De geconsolideerde resultatenrekening 2021 werd aangepast als gevolg van de classificatie van de 'Emerging Markets' als beëindigde bedrijfsactiviteit.
6.19.6. Werkkapitaal
De componenten van het werkkapitaal zijn de voorraden plus de handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen plus handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden.
6.19.7. Alternatieve performantie-indicatoren opgenomen in de persberichten en andere gereglementeerde informatie
Pro-forma omzet aan constante wisselkoersen
Pro-forma omzet aan constante wisselkoersen wordt gedefinieerd als de omzet voor de periode van 12 maanden op datum van rapportering aan de wisselkoersen van vorig jaar en inclusief de impact van Fusies en Acquisities.
Omzet op vergelijkbare basis (LFL)
Omzet op vergelijkbare basis of LFL (Like-for-Like) wordt gedefinieerd als de omzet aan constante wisselkoers exclusief wijzigingen in de consolidatiekring of Fusies en Acquisities
Recurrente EBITDA-marge
Recurrente EBITDA-marge is recurrente EBITDA gedeeld door de omzet.
Recurrente EBITDA op vergelijkbare basis (LFL)
Recurrente EBITDA op vergelijkbare basis of LFL wordt gedefinieerd als de EBITDA aan constante wisselkoers exclusief wijzigingen in de consolidatiekring of Fusies en Acquisities
Recurrente EBITDA-marge op vergelijkbare basis (LFL)
Recurrente EBITDA-marge op vergelijkbare basis (LFL) is recurrente EBITDA op vergelijkbare basis gedeeld door de omzet op vergelijkbare basis.
VRIJWARINGSCLAUSULE
In dit verslag kunnen uitspraken over de toekomst worden gedaan. Toekomstgerichte verklaringen zijn verklaringen met betrekking tot of gebaseerd op de huidige intenties, overtuigingen en verwachtingen van ons management met betrekking tot, onder andere, de toekomstige bedrijfsresultaten, financiële situatie, liquiditeit, vooruitzichten, groei, strategieën en ontwikkelingen van Ontex in de sector waarin wij actief zijn. Door hun aard zijn toekomstgerichte verklaringen onderhevig aan risico's, onzekerheden en veronderstellingen die als gevolg kunnen hebben dat de werkelijke resultaten of toekomstige gebeurtenissen, substantieel verschillen van hoe die zijn uitgedrukt of geïmpliceerd. Deze risico's, onzekerheden en veronderstellingen kunnen een negatieve invloed hebben op het resultaat en de financiële consequenties van de hierin beschreven plannen en gebeurtenissen. De toekomstgerichte uitspraken in dit verslag over trends of huidige activiteiten, dienen niet te worden opgevat als een verklaring dat zulke trends of activiteiten in de toekomst zullen voortduren. Wij nemen geen verplichting op ons om toekomstgerichte verklaringen bij te werken of te herzien, hetzij als gevolg van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderszins. U dient geen overmatig vertrouwen te stellen in dergelijke toekomstgerichte verklaringen, die alleen gelden op de datum van dit verslag.
De informatie in dit verslag kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Er wordt geen verslag of garantie, uitdrukkelijk of impliciet, gegeven met betrekking tot de billijkheid, nauwkeurigheid, redelijkheid of volledigheid van de hierin opgenomen informatie en men dient zich er niet op te verlaten.
In de meeste tabellen van dit verslag zijn de bedragen omwille van de transparantie in miljoenen euro's weergegeven. Dit kan verschillen in de afronding tot gevolg hebben bij de in het verslag gepresenteerde tabellen.
Dit rapport is opgesteld in het Engels en vertaald naar het Nederlands. In geval van verschillen tussen de twee versies, prevaleert de Nederlandse versie
