Skip to main content

AI assistant

Sign in to chat with this filing

The assistant answers questions, extracts KPIs, and summarises risk factors directly from the filing text.

Ontex Group NV Annual Report 2018

Apr 2, 2019

3985_10-k_2019-04-02_50db4eee-90d9-4696-b4e9-624f3206cde1.pdf

Annual Report

Open in viewer

Opens in your device viewer

DARE TO MOVE FORWARD.

GEÏNTEGREERD JAARVERSLAG 2018

GEÏNTEGREERD JAARVERSLAG 2018

STELT U ZICH EEN WERELD VOOR WAARIN IEDEREEN TOEGANG HEEFT TOT BETAALBARE PRODUCTEN VOOR PERSOONLIJKE HYGIËNE. DAT IS DE WERELD WAARAAN ONTEX BOUWT. STAP VOOR STAP.

TERWIJL WE ONZE MENSEN ONTWIKKELEN EN ONZE AANDEELHOUDERS, PARTNERS, KLANTEN EN LEVERANCIERS DUURZAME MEERWAARDE LEVEREN, CREËREN WE NIEUWE ERVARINGEN IN PERSOONLIJKE HYGIËNE VOOR CONSUMENTEN... WE WAKEN OVER ONZE RELEVANTIE EN ZORGEN VOOR EEN POSITIEVE IMPACT OP DE GEMEENSCHAPPEN OM ONS HEEN.

Disclaimer: Het is mogelijk dat u in dit verslag toekomstgerichte verklaringen vindt. Toekomstgerichte verklaringen zijn verklaringen met betrekking tot of op basis van de huidige intenties, overtuigingen of verwachtingen van ons management met betrekking tot onder meer de toekomstige bedrijfsresultaten, financiële toestand, liquiditeit, vooruitzichten, groei, strategieën van Ontex of ontwikkelingen in de sectoren waarin we actief zijn. Toekomstgerichte verklaringen zijn wegens hun aard onderhevig aan risico's, onzekerheden en veronderstellingen die ertoe kunnen leiden dat de feitelijke resultaten of toekomstige gebeurtenissen aanzienlijk verschillen van de resultaten of gebeurtenissen die in dit document worden beschreven of geïmpliceerd.

Het is mogelijk dat die risico's, onzekerheden en veronderstellingen de resultaten en de financiële effecten van de plannen en de gebeurtenissen die hierin worden beschreven, op een ongunstige manier beïnvloeden. De toekomstgerichte verklaringen in dit verslag met betrekking tot trends of huidige activiteiten mogen niet worden beschouwd als een verklaring dat zulke trends of activiteiten ook voor de toekomst gelden. Dit geïntegreerd jaarverslag geeft het verslag van de bestuurders weer, dat werd voorbereid in overeenstemming met artikel 119 van het Wetboek Vennootschapsrecht. In de meeste tabellen van dit verslag worden de bedragen met het oog op een maximale transparantie in miljoen euro uitgedrukt. Dit kan aanleiding geven tot afrondingsverschillen in de tabellen die in dit verslag opgenomen zijn. Dit verslag werd in het Nederlands opgesteld en in het Engels vertaald. Bij tegenstrijdigheden tussen de twee versies heeft de Nederlandse versie voorrang.

INHOUDSOPGAVE

STRATEGISCH VERSLAG

Interview 2
In één oogopslag 6
Belangrijkste hoogtepunten 8
Marktcontext 10
Strategie 12
Belangrijkste partnerships 14
Kerncijfers 16
Mensen 18
Digitalisering 24
Innovatie 28
Verantwoorde productie 32
Prestatiebeoordeling 38
Divisies
Mature Markets Retail 40
Americas Retail 42
Healthcare 44
Growth Markets 46
Middle East North Africa 48
Nieuwe structuur 50
Financieel overzicht 52
Rapportagemethode 54

DEUGDELIJK BESTUUR

Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur 56
Remuneratieverslag 72
Risicomanagement 76

FINANCIËLE VERSLAGGEVING

Inhoud 80
Verklaring van de Raad van Bestuur 82
Verslag van de Commissaris 83
Algemene informatie 87
Geconsolideerde jaarrekening 88
Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening 94
Samenvatting van de statutaire enkelvoudige jaarrekening 147

EXTRA INFORMATIE

Investor relations en
financiële communicatie 149
Woordenlijst 151

APPENDIX

Appendix 1: Materialiteitsbeoordeling 152
Appendix 2: GRI index en niet-financiële informatie 153

Meer informatie online

Ons geïntegreerde jaarverslag 2018 is ook online beschikbaar: https://annualreport.ontexglobal.com/2018/

VOORZITTER VAN DE RAAD VAN BESTUUR EN CHIEF EXECUTIVE OFFICER

DARE TO MOVE FORWARD TOGETHER.

Dankzij de veerkracht en het harde werk van onze mensen wereldwijd, zijn we erin geslaagd om de meeste obstakels te overwinnen en lage ééncijferige groei te behalen op vergelijkbare basis in over het algemeen vlakke hygiënemarkten.

KUNT U HET AFGELOPEN JAAR KORT OMSCHRIJVEN?

Charles: In 2018 zijn we doorgegaan met investeren in sales, marketing en R&D om de omzetgroei te ondersteunen. Dankzij de veerkracht en het harde werk van onze mensen wereldwijd, zijn we erin geslaagd om de meeste obstakels te overwinnen en lage ééncijferige groei te behalen op vergelijkbare basis in over het algemeen vlakke hygiënemarkten. Onze resultaten, waarover meer informatie te vinden is op pagina 52-53, zijn een bewijs van de betrokkenheid van onze medewerkers. Ik wil iedereen bedanken voor hun uitstekende werk het afgelopen jaar.

Luc: De Raad van Bestuur erkent de sterke fundamenten van het bedrijf en de inzet van onze mensen, die in 2018 behoorlijk op de proef zijn gesteld. De Raad van Bestuur heeft vorig jaar open, transparant en stevig gediscussieerd met de directie, heeft haar uitgedaagd wanneer nodig, en heeft de ambities en langetermijnstrategie ondersteund, ook als de zaken niet verliepen zoals verwacht. In de loop van het jaar ontvingen we een ongevraagd verzoek van PAI tot overname van Ontex. We waren het er als bestuur unaniem over eens dat we een mogelijk aanbod volgens de besproken voorwaarden niet ondersteunden en in september is de zaak afgesloten.

HOE WERDEN DE PROBLEMEN IN BRAZILIË IN 2018 AANGEPAKT?

Charles: Om de problemen in Brazilië aan te pakken, hebben we kordaat gehandeld; en we zitten goed op schema om een ommekeer in Brazilië te bewerkstelligen. Onze eerste prioriteit was het bedrijf te stabiliseren en te zorgen voor een duurzaam toekomstmodel. We hebben de twee productiefaciliteiten samengevoegd tot één, eigen Ontex-productielijnen opgestart en twee lokale babyluiermerken geherlanceerd. Hierdoor is in lokale valuta de omzet in Brazilië, alsook de recurrente EBITDA, sequentieel verbeterd in elk kwartaal van 2018.

Luc: De Braziliaanse overname was belangrijk vanuit strategisch oogpunt. We zijn altijd openhartig geweest over de lacunes die we moeten aanpakken, bijvoorbeeld ons geografisch bereik (te veel gericht op West-Europa) en onze afhankelijkheid van retailermerken. Brazilië maakte deel uit van het plan om deze onbalans te herstellen. De problemen in Brazilië vormden een uitzondering op onze trackrecord. De beslissingen van het management om topline- en margeverbetering aan te pakken, waren geruststellend snel. Door de focus op efficiëntie, innovatie en aantrekkelijke producten, zijn we op de juiste weg. De tekenen van herstel zijn bemoedigend.

HOE GAAT HET MET DE REST VAN DE GROEP?

Charles: Ondanks de pittige omstandigheden, hebben Mexico en Noord-Amerika heel goed gepresteerd, net als de Divisies Middle East North Africa en Growth Markets. Ook onze Divisie Healthcare heeft goed gepresteerd in een lastige prijsomgeving. De Divisie Mature Markets Retail heeft een moeilijker jaar gehad. We hebben heel duidelijk gemaakt dat we de prijzen zouden verhogen door de druk op de inputkosten. Het resultaat was enig volumeverlies op de korte termijn en, hoewel dit een bewust besluit was, heeft dit de prestaties wel degelijk beïnvloed.

We zijn blijven investeren in initiatieven die winstgevende groei ondersteunen, bijvoorbeeld door veel vooruitgang te boeken op het gebied van tampons van biologisch katoen, en door voor het eerst gedurende een heel kwartaal, een retailermerk van babyluiers te verschepen naar een grote Amerikaanse retailer. Dit laatste is een belangrijke marktkans voor de komende jaren. Andere succesverhalen zijn onze abonnementen op babyluiers in Frankrijk (zie pagina 24) en het toevoegen van ononderbroken productiecapaciteit bij volwassenen- en babybroekjes voor hogere marges.

De problemen in Brazilië vormden een uitzondering op onze trackrecord. Door de focus op efficiëntie, innovatie en aantrekkelijke producten, zijn we op de juiste weg. De tekenen van herstel zijn bemoedigend.

LUC MISSORTEN VOORZITER VAN DE RAAD VAN BESTUUR

VORIG JAAR MAAKTE U MELDING VAN HET WERK DAT WORDT VERRICHT OP HET GEBIED VAN MENSEN, DIGITALISERING, INNOVATIE EN DUURZAAMHEID. KUNT U DE VOORUITGANG DAARVAN SAMENVATTEN?

Charles: Over onze vorderingen kunt u meer lezen in de betreffende onderdelen van dit verslag. Samenvattend kan ik zeggen dat het werk op deze vier bedrijfsoverstijgende vlakken, met niet aflatende aandacht en kracht is voortgezet.

De vaardigheden en het aanpassingsvermogen van onze mensen zijn doorslaggevend om succesvol te zijn in de complexe wereld waarin we actief zijn, zowel in de productie als aan de commerciële kant. Onze aantrekkingskracht als bedrijf wordt uiteindelijk gevoed door onze ambitie en visie. Onze transformatie naar internationale speler, betekent dat we op veel plaatsen wereldwijd interessante banen kunnen aanbieden. Een van de hoogtepunten van het jaar was voor mij dan ook de introductie van het nieuwe Ontex Leadership Model waarmee we al onze mensen gaan voorbereiden op de toekomst.

Bij het verbeteren van onze bedrijfsvoering en het contact met de consument, zijn we de mogelijkheden van digitaal blijven benutten. Onze inzet voor digitale go-to-market-kanalen creëert een sterke affiniteit met de huidige digital

natives, extern en intern. Om tegemoet te komen aan de onvervulde behoeften van consumenten, hebben we een aantal innovatieve digitale productplatformen gelanceerd, bijvoorbeeld 'Little Big Change' (zie pagina 24). Ook zijn we de mogelijkheden van de digitale wereld blijven uitbouwen om onze productie- en logistieke activiteiten te optimaliseren.

De hoeveelheid product- en productplatformlanceringen en herintroducties in al onze categorieën, die op de volgende pagina's worden toegelicht, toont opnieuw aan dat we onze klanten en consumenten kunnen verrassen met innovaties. We hebben ons ook gericht op het innovatieproces zelf, waarbij we nieuwe denkwijzen introduceren en kijken naar speciale benaderingen voor retailermerken en eigen merken zodat we zeker weten dat we ons richten op wat belangrijk is voor elke categorie.

Op het gebied van duurzaamheid zijn we ons zeer bewust van de impact die we als bedrijf kunnen hebben op het milieu. We hebben een duidelijke strategie om op de lange termijn duurzaam te blijven. We richten ons op drie belangrijke gebieden - producten, productie en mensen - en zorgen dat duurzaamheid een integraal onderdeel vormt van ons beleid en onze activiteiten. Zo hebben we bij bijna al onze belangrijkste prestatie-indicatoren (zie pagina 16)

Uitdagende tijden halen vaak het beste in mensen naar boven. Het stimuleert bovendien om de juiste vragen te stellen, modellen te heroverwegen en echt goed naar jezelf te kijken. Dat kan alleen maar positief zijn voor de toekomst van ons bedrijf.

CHARLES BOUAZIZ CHIEF EXECUTIVE OFFICER vooruitgang geboekt, bijvoorbeeld door de milieuprofielen van onze producten verder te verbeteren en te kijken hoe we het gebruik van grondstoffen kunnen reduceren zonder verlies van prestaties. Ook de vooruitgang die we hebben geboekt op het gebied van veiligheid, vind ik zeer bemoedigend. Afval blijft een probleem, omdat we vaak afhankelijk zijn van de lokale infrastructuur die heel wisselend is. Bij de herziening van de strategie en de doelstellingen in 2019 zal hiermee rekening worden gehouden.

Luc: Op het niveau van de Raad van Bestuur volgen we de ontwikkelingen op deze vier gebieden – mensen, digitalisering, innovatie en duurzaamheid - op de voet. Samen vormen ze de sleutel tot waardecreatie voor ons bedrijf en de gemeenschappen waarin we werkzaam zijn. Belangrijk is dat ze cruciaal zijn voor ons risicomanagement. We beseffen dat de markt voor talent competitief is. De breedte en diepgang van onze persoonlijke ontwikkelingsprogramma's zijn een belangrijke factor in het aantrekken van de juiste mensen. Het feit dat we een groeibedrijf zijn dat bekend staat om zijn innovaties, is in dit opzicht altijd positief. Onze vooruitgang op digitaal gebied geeft ons de kans om anders te zijn en uniek. Ook bij de jongere generatie raakt dit op een heel positieve manier, de juiste snaar. De herziening in 2019 van de duurzaamheidsstrategieën en de daarmee samenhangende doelstellingen komt op het juiste moment. Dit zal de schakel tussen duurzaamheid en ons innovatieprogramma versterken, die wij zien als nauw met elkaar verbonden. De verwachtingen van onze klanten zijn duidelijk aan het veranderen. De herziening zal onze fundamenten versterken en zorgen dat we klaar zijn voor de toekomst.

IN DE LOOP VAN HET JAAR HEBT U GEZEGD DAT U EEN BEDRIJFSEVALUATIE ZOU UITVOEREN OM HET LEVEREN VAN MEERWAARDE OP TE VOEREN. KUNT U DAAR EEN UPDATE VAN GEVEN?

Charles: Uitdagende tijden halen vaak het beste in mensen naar boven. Onze resultaten over 2018 bevestigen dit ontegenzeglijk. Het stimuleert bovendien om de juiste vragen te stellen, modellen te heroverwegen en echt goed naar jezelf te kijken. Dat kan alleen maar positief zijn voor de toekomst van het bedrijf. We hebben altijd een doortastende aanpak gehanteerd. Nu moeten we de volgende stap durven zetten. In het eerste kwartaal van 2019 hebben we de ontwikkeling van onze commerciële structuur en veranderingen in onze interne organisatie aangekondigd. Met ander woorden: de belangrijkste doelstellingen zijn klantleiderschap door commerciële focus, en kostenleiderschap door standaardisatie en optimaal gebruik van ons operationele netwerk. De overgang van vijf naar drie Divisies is een natuurlijke en logische ontwikkeling. De Divisies zijn nu een betere weerspiegeling van ons bedrijf - eigen

MERKEN

MEER EN MEER CONSUMENTEN VOELEN ZICH AANGETROKKEN TOT DE PERFORMANTIE EN 'VALUE FOR MONEY' VAN ONZE RETAILERMERKEN. TEGELIJKERTIJD BLIJVEN WE OOK ONZE EIGEN MERKEN GESTAAG UITBOUWEN. BEIDE HELPEN ONS MET ONZE OVERKOEPELENDE DOELSTELLING OM BETER DAN DE MARKT TE PRESTEREN.

merkartikelen en retailermerkartikelen - en Healthcare als afzonderlijk activiteit. Deze focus zal helpen om besluitvorming te versnellen, ons flexibeler te maken zodat we kunnen inspelen op de veranderende klanteisen, en onze industriële processen efficiënter te maken. We hebben ook een nieuwe gecentraliseerde bedrijfsstructuur geïntroduceerd. Dit zal helpen om onze end-to-end activiteiten te standaardiseren, deze te ontwikkelen tot de beste industriële standaarden en de voordelen van schaalvergroting te benutten.

Luc: De toenadering door PAI heeft onze vastberadenheid om sneller meerwaarde te leveren versterkt. Als bestuur staan we volledig achter deze transformatie. We waarderen de inherente sterkte van het bedrijf en zijn positief over ons toekomstig potentieel. De directie, het hele bedrijf in feite, werkt met focus en urgentie aan de implementatie van de transformatie en het creëren van een nieuw platform dat, daar ben ik van overtuigd, zal leiden tot meerwaarde voor consumenten, klanten en al onze stakeholders.

ONTEX IS EEN TOONAANGEVENDE INTERNATIONALE GROEP IN PRODUCTEN VOOR PERSOONLIJKE HYGIËNE. WE MAKEN HOOGWAARDIGE ARTIKELEN OP VLAK VAN BABYVERZORGING, DAMESHYGIËNE EN VOLWAS-SENENZORG EN ZIJN WERELDWIJD DE PARTNER BIJ UITSTEK VOOR CONSUMENTEN, RETAILERS, INSTITU-TIONELE EN PARTICULIERE ZORGVERLENERS.

WIJ VERKOPEN ONZE PRODUCTEN IN MEER DAN 110 LANDEN. ONGEVEER 46% WORDT VERKOCHT ALS ONTEX-MERK EN HET OVERIGE ALS RETAILERMERK.

IN OPERATIONEEL OPZICHT ZIJN WE OPGESPLITST IN VIJF DIVISIES. OP DIE MANIER ZORGEN WE DAT ONS MARKTAANBOD RELEVANT EN GERICHT BLIJFT.

ONZE 19 PRODUCTIEVESTIGINGEN BEVINDEN ZICH IN EUROPA, AFRIKA, RUSLAND, IN DE REGIO AZIË EN DE STILLE OCEAAN EN NOORD- EN ZUID-AMERIKA. WE HEBBEN NEGEN R&D-CENTRA ZODAT WE EEN VOOR-LOPER KUNNEN BLIJVEN OP VLAK VAN DUURZAME ONTWIKKELING EN INNOVATIE.

WE CREËREN MEERWAARDE DOOR DE PRODUCTEN DIE WE MAKEN, DE DIENSTEN DIE WE AANBIEDEN, DE BANEN DIE WE SCHEPPEN, ONZE INSPANNINGEN OM BINNEN DE GRENZEN VAN ONZE PLANEET TE OPERE-REN EN DE STRENGE NORMEN VAN VERANTWOORD GEDRAG DIE WE ONSZELF OPLEGGEN.

DE CATEGORIEËN

BABYVERZORGING

Dit is het grootste deel van onze activiteiten. We produceren babyluiers en babybroekjes voor de detailhandel en voor onze eigen merken. Ze zijn zo ontwikkeld dat ze betaalbaar zijn en comfortabel voor baby's, en ouders geruststellen.

VERZORGINGSPRODUCTEN VOOR VOLWASSENEN

Discretie, bescherming en waardigheid zijn de drie belangrijkste overwegingen bij het ontwikkelen en produceren van onze oplossingen voor lichte, matige en ernstige incontinentie. De producten omvatten verband, broekjes, luiers en onderleggers voor volwassenen die zowel via instellingen als rechtstreeks aan klanten en consumenten worden verkocht.

DAMESHYGIËNE

Door het aanbieden van producten zoals ultramaandverband, gewoon maandverband, inlegkruisjes en tampons, spelen we in op de verschillende behoeften en levensstijlen van vrouwen. Alle producten bevatten innovatieve functionaliteiten die steeds bescherming en comfort bieden.

OVERZICHT DIVISIES

MATURE MARKETS RETAIL

Lees meer op pagina 40

BESCHRIJVING

Levert voornamelijk verzorgingsproducten voor baby's, volwassenen en vrouwen onder retailermerken in West-Europa en Australië.

OMZET €880,2MLN

2017: €900,7MLN

KERNMARKTEN

West-Europa Australië

TYPE MERK

Retailermerken

AMERICAS RETAIL

Lees meer op pagina 42

BESCHRIJVING

Levert verzorgingsproducten voor baby's, volwassenen en vrouwen onder eigen merken en retailermerken en bestaat uit drie clusters: Mexico en Centraal-Amerika, Brazilië en Noord-Amerika.

OMZET €618,0MLN

2017: €624,1MLN

+4,5% 'like-for-like' groei

KERNMARKTEN

  • Mexico
    • Centraal-Amerika
  • Brazilië
  • Noord-Amerika

TYPE MERK

Ontex merken

Retailermerken

ONTEX TOP MERKEN

CATEGORIE CATEGORIE

OVERZICHT DIVISIES

HEALTHCARE

Lees meer op pagina 44

BESCHRIJVING

Levert voornamelijk producten voor volwassenen onder de Ontex-merknaam via institutionele kanalen (ziekenhuizen, verpleeghuizen, zorgverzekeraars en lokale overheden), maar ook via apotheken, thuisbezorging en 'self-pay'-kanalen.

OMZET

€435,6MLN

2017: €433,4MLN

+0,8% 'like-for-like' groei

KERNMARKTEN

  • Benelux en Frankrijk
  • Duitsland
  • Spanje en Italië
  • Verenigd Koninkrijk en Ierland

TYPE MERK

Ontex merken

ONTEX TOP MERKEN ONTEX TOP MERKEN ONTEX TOP MERKEN

GROWTH MARKETS

Lees meer op pagina 46

BESCHRIJVING

Bestaat uit snel veranderende, dynamische markten waar het retaillandschap steeds meer westerse vormen aanneemt. We leveren eigen Ontex-merken of retailermerken, afhankelijk van de behoeften van de klant.

OMZET €197,6MLN

2017: €192,3MLN

+9,5% 'like-for-like' groei

KERNMARKTEN

GOS

Midden- en Oost-Europa Azië en Afrika ten zuiden van de Sahara

TYPE MERK

  • Ontex merken
  • Retailermerken

CATEGORIE CATEGORIE CATEGORIE

MIDDLE EAST NORTH AFRICA

Lees meer op pagina 48

BESCHRIJVING

We leveren voornamelijk regionale 'local hero'-merken en hebben sterke marktposities in babyverzorging - de grootste categorie in het Midden-Oosten en Noord-Afrika - en verzorgingsproducten voor volwassenen.

OMZET €160,8MLN

2017: €184,5MLN

KERNMARKTEN

  • Turkije
  • Algerije
  • Pakistan

TYPE MERK

Ontex merken

2018, EEN JAAR VAN KANSEN

ONLINE LUIER-ABONNEMENT

In 2018 hebben we ons nieuwste babymerk Little Big Change gelanceerd. Het is het eerste babymerk van Ontex dat alleen via een online abonnementsmodel in Frankrijk wordt verkocht, en de consument een flexibele en zeer aanpasbare aankoopen leveringsservice biedt (zie meer pagina 24). De uitrol van het merk werd ondersteund door een nationale tv-campagne om een breed publiek te bereiken. Parallel hieraan werd ingezet op complementaire kanalen, waaronder social media en influencer marketing. De eerste resultaten zijn veelbelovend en we zullen het merk in 2019 blijven ondersteunen en uitbouwen.

125.000 TON MINDER CO2 -UITSTOOT SINDS 2014

Over de voorbije vijf jaar hebben we een daling van 35% bereikt van onze koolstofemissies. In 2018 zijn onze emissies gedaald met 8% vergeleken met vorig jaar (van 32g CO2/€ naar 29g CO2/€). Al onze Europese vestigingen draaien 100% op groene stroom.

MONDIALE UITROL VAN LEIDERSCHAPS-TRAININGEN

Binnen Ontex vinden we dat iedereen een leider is. Om elke medewerker te leren omgaan met zijn of haar gedrag en dat van anderen, wordt iedereen in de Ontex-gemeenschap de komende jaren uitgenodigd om deel te nemen aan de intensieve 'The 5 Chairs'-training die is ontwikkeld door Louise Evans. Eind 2018 hadden er wereldwijd al 56 trainingen in 12 verschillende landen plaatsgevonden.

NIEUW MERK GELANCEERD OP CHINEES E-COMMERCE PLATFORM

We hebben ons nieuwste merk in dameshygiëne op één van de grootste Chinese e-commerce platforms gelanceerd. NAT, Nice and True Intimate Care, is een nieuw merk van tampons, maandverband en inlegkruisjes dat een natuurlijke katoentechnologie met een sterke productprestatie verenigt in een complete oplossing voor intieme hygiëne. NAT biedt de gewenste combinatie van natuurlijke zorg en geavanceerde technologie voor een 'no feel'-menstruatie. De producten maken gebruik van 100% gecertificeerd biologisch katoen en de tampons hebben applicators op basis van suikerriet.

ENGINEER OF THE YEAR

Annick De Poorter, onze directeur R&D, Quality and Sustainability, heeft de 'Engineer of the Year'-prijs ontvangen. Deze prijs wordt uitgereikt door de Faculteit Ingenieurswetenschappen van de Universiteit Gent en haar alumnivereniging AIG (Alumni Ingenieurs UGent), om uitmuntend innovatief werk onder de aandacht te brengen.

ONTEX MEXICO 40 JAAR

Onze Mexicaanse collega's hebben het 40-jarig bestaan van ons bedrijf Ontex Mexico gevierd. Oprichter Gilberto Marín, die het stokje dit jaar heeft een geweldige erfenis nagelaten. Nu is het aan Richard Halbinger om als nieuwe General Manager het bedrijf naar nog grotere hoogten te brengen. Met meer dan 20 jaar ervaring binnen het bedrijf zal Richard de integratie met de Ontex Group verder versterken en tegelijkertijd blijven pionieren en innoveren, en de markt blijven ontwikkelen.

ONTEX MEXICO 40 JAAR

ENGINEER OF THE YEAR

MONDIALE UITROL VAN LEIDERSCHAPS-TRAININGEN

ONLINE LUIER-ABONNEMENT

NIEUW R&D CENTER OF EXCELLENCE

De Ontex-vestiging in Großpostwitz, Duitsland, die uitsluitend tampons voor vrouwen produceert en die als centrale productiefaciliteit fungeert voor vrouwentampons binnen de hele Ontex Group, heeft een nieuw technisch R&D-centrum geopend. In Großpostwitz werden de R&D-activiteiten voorheen uitgevoerd vanuit een laboratorium voor kwaliteitsborging. Door verdere groei zijn deze activiteiten echter opgesplitst en beschikt het R&D-team over een gespecialiseerd technisch centrum. Hun onafgebroken focus ligt op de ontwikkeling en innovatie van tamponproducten.

CREATIVITEITSPRIJS VOOR DE DIGITALE CAMPAGNE VAN CANBEBE

Canbebe Pakistan heeft op de Pakistan Digi Awards 2018 de prijs gewonnen voor 'Best Use of Creativity/Innovation' voor de digitale campagne 'A Mother's Support', die de aandacht vestigt op het ondersteuningssysteem dat moeders nodig hebben om goed voor hun kinderen te zorgen.

NIEUW MERK GELANCEERD OP CHINEES E-COMMERCE PLATFORM

VEILIGHEIDSCIJFERS OP KRUISSNELHEID

Onze ongevallenfrequentiegraad is met 36% gedaald tot 9.16 (aantal arbeidsongevallen per miljoen gewerkte uren). Hiermee zitten we op het juiste spoor om tegen 2020 onze doelstelling van maximum 6.5 te halen. Verdere training en de aanwerving van gespecialiseerde H&S verantwoordelijken hebben vruchten afgeworpen in ons streven naar een sterkere veiligheidscultuur.

START PRODUCTIE RADOMSKO

In oktober 2018 rolde in onze nieuwe vestiging in Radomsko, Polen, de eerste pallet luiers van de band. Deze gespecialiseerde fabriek kreeg groen licht in februari 2017, en werd officieel geopend in februari 2019. We kijken ernaar uit om het potentieel in 2019 volledig te kunnen gaan benutten.

POM POM WORDT 50

In juli is ons Braziliaanse luiermerk Pom Pom 50 jaar geworden! Voor de gelegenheid werd een nieuwe generatie van Pom Pom-luiers gelanceerd, waarin hoogwaardige technologie, comfort en innovatie, en jarenlange kennis en traditie samenkomen.

CREATIVITEITSPRIJS VOOR DE DIGITALE CAMPAGNE VAN CANBEBE

NIEUW R&D CENTER OF EXCELLENCE

START PRODUCTIE RADOMSKO

DE REIS – WAT ONS TE WACHTEN STAAT

ONTEX IS BEZIG MET EEN GROTE TRANSFORMATIE: VAN EUROPEES NAAR WERELDWIJD, VAN EEN STERKE FOCUS OP RETAILERMERKEN NAAR EEN EVENWICHTIGE FOCUS INCLUSIEF EIGEN MERKEN, VAN DE NADRUK OP BABYVERZORGING NAAR EEN EVENWICHTIGER PORTFOLIO IN DE DRIE CATEGORIEËN VAN PERSOONLIJKE HYGIËNE (ZIE PAGINA 38) EN, HEEL BELANGRIJK, VAN EEN FOCUS OP TECHNOLOGIE EN PRODUCTIE NAAR EEN DOOR DE CONSUMENT-/KLANTGESTUURDE AANPAK.

OM TOEKOMSTIGE UITDAGINGEN HET HOOFD TE KUNNEN BIEDEN, HEBBEN WE IN 2018 ONZE REIS VERVOLGD OM HET BEDRIJF OP TE BOUWEN VANUIT EEN SOLIDE BASIS VAN DIEP INZICHT EN TECHNOLOGISCHE EN PRODUCTIE-EXPERTISE.

GOEDE VOORUITZICHTEN IN EEN VERANDERENDE WERELD

De marktprognoses voor de categorieën waarin wij actief zijn, zijn over het algemeen gunstig. Voorspeld wordt dat babyverzorging en verzorgingsproducten voor volwassenen en vrouwen de komende jaren zullen groeien (zie pagina 38-39). Hoewel er een aantal duidelijke trends zijn die specifiek zijn voor elk van onze hygiënecategorieën, zijn er ook bepaalde trends die de categoriegrenzen neigen te overschrijden.

Over de hele lijn willen consumenten hoogwaardige producten tegen een betaalbare prijs. Ze zijn op zoek naar transparantie wat betreft de gebruikte materialen en zijn steeds meer gericht op hun eigen welzijn en dat van dierbaren. Bij dameshygiëne en verzorgingsproducten voor volwassenen willen ze dat hoge prestaties hand in hand gaan met discretie om waardigheid te behouden en ze willen producten die mobiliteit ondersteunen en niet belemmeren.

IS HET VEILIG?

Over het algemeen maken consumenten zich steeds vaker zorgen over de producten die ze gebruiken: de veiligheid daarvan en de mogelijke gevolgen voor de gezondheid van hun baby of, bij vrouwelijke verzorgingsproducten zoals tampons en maandverband, hun eigen gezondheid en welzijn. Hoewel deze zorgen geen grote invloed

ONZE NAT TAMPONS ZIJN GEMAAKT VAN 100% BIOLOGISCH KATOEN GECERTIFICEERD DOOR GOTS, DE TOONAANGEVENDE STANDAARD VOOR BIOLOGISCH TEXTIEL WERELDWIJD

hebben gehad op verzorgingsproducten voor volwassenen, lijkt het onvermijdelijk dat dit wel gaat gebeuren.

We begrijpen de bezorgdheden en de gepercipieerde veiligheidsproblemen die worden geuit in een wereld waarin chemicaliënsporen tegenwoordig kunnen worden opgespoord tot op miljardste deeltjes. Wij, onze partners in de sector en de overheid werken allemaal nauw samen om deze zorgen serieus te nemen en de consument gerust te stellen over de intrinsieke veiligheid van de hygiëneproducten die we maken. Op dit moment maken producten van biologisch katoen nog maar een zeer klein deel uit van de hygiënemarkt waarin wij actief zijn, maar dit neemt snel toe. Ook zijn er steeds meer producten die 'vrij van' zijn. Onze NAT-producten voor dameshygiëne (zie pagina 30) en onze Little Big Change-luiers (op pagina 24), zijn slechts twee voorbeelden van het doel dat we voor ogen hebben om tegemoet te komen aan de behoeften van consumenten.

DE REALITEIT VAN DIGITAAL

De realiteit van de digitale wereld revolutioneert hoe consumenten geïnformeerd worden over en in contact komen met hygiënemerken, en ook hoe ze producten kopen. Zo is volgens Euromonitor1 de online verkoop van babyverzorgingsproducten tussen 2012 en 2017 gestegen met een CAGR van meer dan 28%. Hoewel het aandeel van online verkopen per regio en land verschilt, van uitzonderlijk hoog in Zuid-Korea, zeer laag met dubbele cijfers in de VS en het Verenigd Koninkrijk, tot bijna onbestaande in bepaalde markten, is de trend duidelijk. Door onze wendbaarheid, omvang en flexibiliteit kunnen we zelf en samen met onze klanten investeren in digitale kanalen.

GROEI VAN RETAILERMERKEN

Retailermerken vertegenwoordigen nu iets minder dan 40% van de Europese markt voor babyverzorging in waarde en blijven marktaandeel winnen. Bij

verzorgingsproducten voor volwassenen is dit aandeel vergelijkbaar terwijl het aandeel in retailermerken voor vrouwelijke hygiëne maar net boven de 20% ligt. Het retailermerkensegment heeft een enorm potentieel. In Noord-Amerika zijn retailermerken in babyverzorgingsproducten in waarde goed voor ongeveer een vijfde van de markt. Het leveren van retailermerken is een belangrijke competentie die we hebben opgebouwd in Europa. Naarmate we onze productiecapaciteit op het Amerikaanse continent versterken, zijn we ervan overtuigd dat we het bereikte succes kunnen herhalen door retailers te helpen hun eigen merk te ontwikkelen met een gedifferentieerde propositie die specifiek is afgestemd op de behoeften van elke consument.

MOBILITEIT BETEKENT MEER

De trend in producten voor lichte incontinentie, dunnere luiers en verzorgingsproducten voor vrouwen, maken allemaal deel uit van een algemene trend om actief en mobiel te blijven in alle levensfasen. De populariteit van babybroekjes in plaats van traditionele luiers, de ontwikkeling van discretere incontinentiebroekjes en minder dik maandverband voor vrouwen, is hier het bewijs van. Om aan deze nieuwe eisen te voldoen, hebben we in verscheidene fabrieken de productiecapaciteit uitgebreid.

Omdat de eisen van de consument steeds specifieker worden, wordt de omgang met hen steeds complexer. We zijn echter van mening dat dit allemaal kansen voor ons zijn en dat elke kans onze productontwikkeling en marktbenadering vorm geeft. Hoewel onze mentaliteit, cultuur en bewezen vaardigheden in het managen van complexiteit volledig in lijn liggen met de markt en hoe consumenten denken, zullen we ons blijven aanpassen.

1. De wereldwijde leider op vlak van onafhankelijk strategisch marktonderzoek.

ONS BEDRIJFS-MODEL

EEN DUIDELIJK MODEL DAT FOCUST OP EEN UNIEK CONCURRENTIEVOORDEEL EN HET CREËREN VAN DUURZAME MEERWAARDE VOOR AL ONZE STAKEHOLDERS.

Consolidator binnen de industrie

Uniek gepositioneerd om industrieconsolidatie en toegevoegde waarde te stimuleren voor al onze stakeholders

Plaatselijke succesvolle merken uitbouwen

Gedifferentieerde waardepropositie per markt, met merken die de lokale consument aanspreken

Een unique selling proposition gericht op lokale relevantie die complexiteit centraal stelt

Focus op uitstekende marges

Betere marges door toegevoegde waarde en kostenexcellentie

Kostenefficiënte bedrijfsvoering en organisatie, slimme investeringen en schaalvergroting

Nieuwe ervaringen in betaalbare persoonlijke hygiëne

Operationele wendbaarheid mogelijk gemaakt door een gedecentraliseerde, crossfunctionele organisatie

Empowerment van lokale agile teams

Sterke lokale capaciteiten die relevante beslissingen aansturen die het dichtst bij elke markt liggen

U

R

Z

A A M H

D

U

Agile productie & supply chain-netwerk Flexibele productie met in-house engineering

E

I D

Leverancier van de slimste keuze

Hoogwaardige merken, producten en diensten

Beste partner voor klanten

Sterke klantgerichtheid om groei te versnellen

ONZE DUURZAAMHEIDSAANPAK

In 2018 hebben we een nieuwe materialiteitsbeoordeling uitgevoerd in navolging van die van 2016. Dit proces, waarbij een selectie van al onze interne en externe stakeholders betrokken was, wordt gedetailleerd beschreven in de bijlage bij dit verslag (zie pagina 152). De materialiteitsmatrix toont welke zij als de belangrijkste materiële aspecten aanduiden en waarom deze van belang zijn. Deze bevat ook links naar de relevante SDG-doelstellingen (Sustainable Development Goals) van de VN en naar delen van dit verslag waar u meer informatie vindt.

In 2019 zullen we onze duurzaamheidsstrategie herzien op basis van de resultaten van deze nieuwe beoordeling. Dit zal ervoor zorgen dat onze strategie relevant blijft en dat we ons blijven richten op het leveren van zakelijk succes op de lange termijn.

AANDACHTSGEBIEDEN EN WAAROM ZE BELANGRIJK ZIJN

MATERIËLE DEFINITIE SDGS LEES
ASPECTEN EN INHOUD BEHANDELD MEER
1 Mensenrechten respecteren
in onze waardeketen
Verantwoordelijkheid voor de impact op het gebied van een reeks
internationaal erkende mensenrechten. Belangrijkste zaken:
beheer toeleveringsketen, sociale audits van onze sites.
Pagina
21
2 Een veilige werkplek voor onze Voorzien van veilige en gezonde werkomstandigheden. Pagina
werknemers garanderen Belangrijkste zaken: nultolerantie voor blessures. 21
3 Adequaat afvalbeheer in
onze productie garanderen
Kwalitatief hoogstaande afvalsortering en daling van afvalstorting.
Belangrijkste zaken: daling van productieafval, zero afval naar
stortplaatsen.
Pagina
37
4 Verankeren van bedrijfsethiek Eerlijk, wettelijk en ethisch zakendoen. Belangrijkste zaken: Pagina
in onze manier van zakendoen AVG, mededinging, anti-omkoping en -corruptie, ethische code. 22
5 Investeren in duurzame Aankopen van geschikte grondstoffen. Belangrijkste zaken: minder Pagina
grondstoffen grondstoffen, verantwoord bosbeheer, duurzame alternatieven. 36
6 Duurzame producten aanbieden Ontwikkelen van producten die duurzame waarde voor onze
consumenten of de maatschappij creëren. Belangrijkste zaken:
eco-design, end-of-life afval, veilige producten, productlabeling.
Pagina
35
7 Open dialoog met onze Open communicatie en delen van standpunten, ideeën en Pagina
stakeholders nastreven bezorgdheden. Belangrijkste zaken: interactie met de stakeholders. 15
8 Talentontwikkeling op elk
bedrijfsniveau ondersteunen
Mensen helpen groeien op persoonlijk vlak en het bereiken van
vooropgestelde professionele en persoonlijke doelen.
Belangrijkste zaken: training, leadership, persoonlijke ontwikkeling.
Pagina
19
9 Diversiteit en gelijke kansen
naar waarde schatten
Kansen verschaffen ongeacht nationaliteit, geslacht en leeftijd.
Belangrijkste zaken: goed evenwicht tussen mannen en vrouwen,
geen discriminatie.
Pagina
19
10 Klimaatverandering aanpakken Inspanningen om globale klimaatverandering aan te pakken.
Belangrijkste zaken: energiebeheer, hernieuwbare energie en daling
van emissies.
Pagina
32
11 Lokale gemeenschappen Steunen van lokale gemeenschappen die worden getroffen door Pagina
steunen onze bedrijfsactiviteiten: giften, vrijwilligerswerk, partnerships. 23

COMMUNICEREN MET STAKEHOLDERS OM DUURZAME ACTIVITEITEN UIT TE BOUWEN

WE INVESTEREN TIJD EN INSPANNINGEN IN DE OPBOUW VAN STERKE RELATIES MET EEN BREED PUBLIEK VAN BELANGHEBBENDEN, INCLUSIEF KLANTEN EN CONSUMENTEN, LEVERANCIERS, GEMEENSCHAPPEN EN RELEVANTE NGO'S. WIJ BESCHOUWEN HEN ALS ONZE BELANGRIJKSTE 'INFLUENCERS' – DE OGEN EN OREN VAN ONTEX – DIE ONS DOEN NADENKEN OVER WAT WE DOEN EN HOE WE HET DOEN. ALLEMAAL KUNNEN ZE BELANGRIJKE INPUT LEVEREN, ZODAT WE PROBLEMEN KUNNEN IDENTIFICEREN EN MET EEN VEEL GROTERE DRAAGWIJDTE AANPAKKEN DAN ALS WE ALLEEN ZOUDEN WERKEN.

STAKEHOLDER INTERACTIES IN ONZE WAARDEKETEN

Onze waardeketen is verbonden met een grote verscheidenheid aan mensen, gemeenschappen, ecosystemen en andere bedrijven overal ter wereld. Ons bedrijf heeft een grote en ingrijpende impact op mens, milieu en economie, en wij willen dat die zo positief mogelijk is. Daarom investeren we in de opbouw van sterke relaties.

COMMUNICEREN MET STAKEHOLDERS OM ZICHT TE KRIJGEN OP HUN BEZORGDHEDEN EN VERWACHTINGEN

We interageren met onze stakeholders op heel uiteenlopende manieren, zowel formeel als informeel. Die contacten variëren van ontmoetingen met plaatselijke, regionale, nationale en internationale groepen tot een continue dialoog met onze klanten en consumenten. Het overzicht hieronder toont aan hoe we met elkaar in contact treden, de thema's waar onze aandacht naar gaat en de manier waarop we uitdagingen proberen aan te gaan.

STAKEHOLDER
GROEP
HOE WE COMMUNICEREN BELANGRIJKSTE THEMA'S
EN BEZORGDHEDEN
ONZE REACTIE
1 Leveranciers • Bezoeken en ontmoetingen
• Conferenties met leveranciers
• Procurement
• Leverancier tracker
• Bevoorrading van grondstoffen
• Bedrijfsethiek/mensenrechten
• Beheersystemen
• Kwaliteit
• Innovatie
• Veilige grondstoffen
• Verantwoorde bevoorrading
• Doorlichting van leveranciers
• Leveranciers afstemmen op de ethische
code
• Duurzaam werken
2 Medewerkers • Recrutering
• Evaluaties van persoonlijke ontwikkeling
• Enquêtes
• Vergaderingen met vakbonds-/
personeelsafgevaardigden
• Interne en externe audits
• Bedrijfsupdates voor hogere executives
• Interne communicatie via het intranet, updates
voor personeel, nieuwsbrief
• Gemeenschaps- en medewerkerswelzijnsprojecten
• 'Speak Up'-hotline
• Sociale media en website
• Gezondheid en veiligheid
• Werkomstandigheden
• Gelijke kansen
• Bedrijfsethiek
• Leadership
• Persoonlijke ontwikkeling
• Zorgen voor veilige en gezonde werk
omstandigheden
• De ethiek van onze eigen operaties
garanderen
• Diversiteit en gelijke kansen ondersteu
nen
• Training en onderwijs
• Programma voor pas afgestudeerden
• Interne mobiliteit
• Ontwikkeling van talenten
• Leadership competentiemodel
• Persoonlijk groeiplan
3 Klanten • Monitoren van productverkoop
• Contact via ons verkoopteam
• Regelmatige klantenbezoeken
• Gezamenlijke businessplanning
• Enquêtes en onderzoek
• Productkwaliteit/-veiligheid
• Koolstofvoetafdruk
• Slimme, innovatieve oplossingen
• Ecolabeling
• Bevoorrading
• Innovatie
• Werkomstandigheden
• Mensenrechten
• Inzicht in consumenten
• Single use plastics (eenmalig
gebruik van plastics)
• Duurzame productie
• Meer producten met eco- en gezond
heidslabels op de markt brengen
• Zorgen voor veilige en gezonde werk
omstandigheden
• Verantwoorde en gedocumenteerde
bevoorrading
• Ecologische innovatie
• Ethisch verantwoorde activiteiten
• Onze institutionele klanten opleiden
4 Consumenten • Consumentenpanels en focusgroepen
• Sociale mediawerken
• Productkwaliteit/veiligheid
• Milieu-impact van onze
producten
• Productlabels
• Productkwaliteit
• Service
• Gezondheid en veiligheid voor onze con
sumenten verzekeren
• De milieu-impact van onze producten
beperken
• Meer producten met eco- en gezond
heidslabels op de markt brengen
• Innovatie
• Aangepaste producten die op plaatselijke
behoeften inspelen
5 Investeerders • Voortdurende dialoog met investeerders/analisten
• Presentaties/vergaderingen met investeerders
• AGM
• Kwartaalverslagen over omzet en webcasts
• Materialiteitsoefening met investeerders
• PR
• SRI-indexen en informatieaanvragen
• Governance
• Bedrijfsethiek
• Risicobeheer
• Milieu/koolstofvoetafdruk
• Duidelijk en transparant governancekader
• De ethiek van onze eigen activiteiten
garanderen
• De milieu-impact van onze producten
beperken
• Duurzaam werken
6 Gemeenschap
pen en
niet-gouver
nementele
organisaties
• Voortdurende dialoog
• Partnerships op basis van gemeenschappelijke
kwesties
• Lidmaatschap van bedrijfs- en
industrieverenigingen
• Liefdadigheidsactiviteiten
• Informatieaanvragen van academici en studenten
• Bedrijfswebsite en sociale medianetwerken
• Mensenrechten
• Milieu
• 'End-of-life'-afval
• Gezondheid en veiligheid van
consumenten
• Betrokkenheid bij de plaatselijke
gemeenschappen
• Betaalbare persoonlijke
hygiëneoplossingen
• Gezondheid en veiligheid van onze
klanten verzekeren
• Onderzoek
• Chemicaliën/kwaliteitsprotocollen/beleid
• Giften

ONZE KEY PERFORMANCE INDICATOREN

VROUWELIJK MANAGEMENT

(%)

Een competentiegedreven werkgever zijn met aandacht voor inclusiviteit en diversiteit

Lees meer op pagina 19

4,8

4,5

3,9

2016 2017 2018

KAPITAALUITGAVEN (% NETTO VERKOOP)

Efficiënt blijven in kapitaaluitgaven in de sector van de persoonlijke hygiëneproducten

Lees meer op pagina 53

PLAATSELIJKE MERKEN UITBOUWEN

Naar duurzaam marktleiderschap toewerken in onze kerncategorieën en kernlanden

Lees meer op pagina 12

KOOLSTOFEMISSIES (gCO2 /€) (BASE YEAR 2014, SCOPE 1-2)

Ernaar streven om tegen 2030 koolstofneutraal te zijn

Lees meer op pagina 35

GEZONDE EN VEILIGE WERKOMSTANDIGHEDEN2 (FREQUENCY RATE)

Het aantal ongevallen blijven verlagen in het kader van een visie van 'zero accidents'

Lees meer op pagina 21

  1. Aantal arbeidsongevallen per miljoen gewerkte uren.

MENSEN

MERON BIRHANU LAB QUALITY CONTROLLER

DARE TO PUT PEOPLE AT THE HEART.

Ontex is een mensenbedrijf dat functioneert in een mensgerichte branche. We zijn van mening dat bedrijfsgroei het succes van mensen bevordert en vice versa. Wij willen en verwachten van onze mensen dat ze verantwoordelijkheid nemen voor hun persoonlijke groei en hun volledige potentieel bereiken. Natuurlijk bieden we mensen op alle niveaus tools en ondersteuning, maar op de echte Ontex manier moeten ze de moed hebben om ondernemerschap te tonen om hun carrière uit te bouwen.

In 2018 hebben we een geïntegreerd Job & Career Framework ontwikkeld als leidraad voor persoonlijke groei. Deze geeft elke werknemer een overzicht van de context van de functie, wat van de werknemer wordt verwacht wat betreft taken en verantwoordelijkheden en wat nodig is op het gebied van kennis, vaardigheden en gedrag om de functie succesvol te vervullen. Onze 'Ontex Guide for Growth' beschrijft voor een hele reeks functies de vereiste competenties en bevat tips voor de ontwikkeling van elke competentie.

"Ontex is een mensenbedrijf dat werkt in een mensgerichte branche. We zijn van mening dat bedrijfsgroei het succes van mensen bevordert en vice versa. In de ware geest van Ontex vinden we het belangrijk om onze mensen tools en ondersteuning te bieden op alle niveaus zodat ze zelf de verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun persoonlijke groei en hun volledige potentieel kunnen bereiken."

ASTRID DE LATHAUWER GROUP HR DIRECTOR

ONTEX HEEFT EEN REPUTATIE OPGEBOUWD ALS MENSENBEDRIJF. OMDAT MENSEN CENTRAAL STAAN IN ONS BEDRIJF, ZIJN ONZE INSPANNINGEN OM HEN TE ONTWIKKELEN EN TE STIMULEREN VAN CRUCIAAL BELANG VOOR ONS SUCCES.

DIVERS EN INCLUSIEF

Bij Ontex is diversiteit meer dan compliance (zie cijfers op pagina 22). Het is een van onze succesformules. We beoordelen iedereen op hun capaciteiten en niet op geslacht of andere diversiteiten. We geloven dat elk individu uniek is en in iedereen de ruimte en de mogelijkheid bieden om onafhankelijk daarvan een bijdrage te leveren. Dit komt tot uiting in onze bedrijfswaarden en in een cultuur van inclusiviteit die wij actief bevorderen. We volgen de EU-richtlijn inzake geslachtsdiversificatie in onze Raad van Bestuur en in 2018 is het aantal vrouwen in verantwoordelijke functies binnen het bedrijf gestegen met 6%.

Ontdek meer online

DARE

Diversiteitsbeleid http://www.ontexglobal.com/ sites/default/files/ontex_diversity_ policy_180131_vf.pdf

IEDEREEN IS EEN LEIDER

Een van de hoogtepunten in 2018 vanuit het oogpunt van personeelsbeheer, was de introductie van het Ontex Leadership Model (zie side box). Dit model weerspiegelt de Ontex-waarden en gaat ervanuit dat iedereen bij Ontex een leider is en dat leiderschap op elk moment door iedereen kan en moet

worden getoond, niet alleen op de werkvloer maar ook daarbuiten.

Het Leadership Model schept duidelijkheid en transparantie over de belangrijkste leiderschapscompetenties die bij Ontex vereist zijn en gaat over het voorbereiden van mensen op de toekomst. Daarnaast heeft het ons geholpen om onze inspanningen betreffende werving en persoonlijke ontwikkeling te focussen. Het model bestaat uit drie pijlers: 'We ontwikkelen onszelf', 'We ontwikkelen mensen' en 'We ontwikkelen het bedrijf'. In de loop van het jaar zijn we gestart met een aantal opleidingsmodules voor elke pijler en we zullen die de komende jaren verder inbedden.

De introductie van 'The 5 Chairs'-training in 2018 is erop gericht onze 'culturele intelligentie' te versterken en onze diversiteit optimaal te benutten, zodat we wereldwijd effectief kunnen samenwerken met collega's, klanten en leveranciers. Het programma biedt mensen de basis om sterke relaties op te bouwen en een positieve, krachtige cultuur te creëren waarin persoonlijke groei zowel op het werk als thuis kan gedijen. De eerste reacties waren zeer positief. Mensen zagen hoe het beheersen van 'The 5 Chairs' en vervolgens de moed hebben om de dingen die ze hadden geleerd, daadwerkelijk toe te passen, een groot verschil maakten binnen hun teams.

HET GLOBAL GRADUATE PROGRAM

Het in 2017 geïntroduceerde Global Graduate Program heeft zijn tweede jaar voltooid. Het doel van het programma is high potential-talent te rekruteren en een reeks intern opgeleide leiders te ontwikkelen. Als werkgever maken we een goede indruk en intern is het een positief signaal dat we de toekomst van dit bedrijf serieus nemen.

De introductie van de tweede lichting studenten is goed verlopen. In de geest van voortdurende verbetering hebben we rekening gehouden met de ervaring en feedback van het eerste cohort. De zeer positieve feedback

BIJ ONTEX IS IEDEREEN EEN LEIDER

We danken ons succes aan onze mensen. Zij vormen de kern van het bedrijf. Ze kennen onze strategie en weten welke bijdrage ze moeten leveren om onze groei te helpen realiseren.

In de loop der tijd hebben onze mensen bijgedragen aan het definiëren van de cultuur en de waarden die we nodig hebben voor succes. We geloven erin deze waarden leven in te blazen en hebben alle vertrouwen dat we de groei die voor ons ligt, kunnen bestendigen door elke dag uitstekend leiderschap te tonen.

Het Ontex Leadership Model heeft drie dimensies.

WE ONTWIKKELEN ONSZELF

richt zich op persoonlijk leiderschap op alle niveaus, welke stappen we kunnen zetten om onszelf te ontwikkelen en hoe we sterke relaties opbouwen. Het is gericht op authenticiteit en het belang om altijd optimistisch en toekomstgericht te zijn.

WE ONTWIKKELEN MENSEN

heeft betrekking op het leiden van teams en hoe managers voor hun mensen moeten zorgen zodat die zich gecoacht en erkend voelen. Het is gericht op mensen de kans te geven om te schitteren, het opbouwen van sterk samenhangende en diverse teams en de eerlijke, waardige en respectvolle omgang met mensen.

WE ONTWIKKELEN HET

BEDRIJF gaat over strategisch leiderschap, het vormgeven van onze toekomst en zorgen dat we de capaciteit hebben om te voldoen aan toekomstige eisen. Het benadrukt de noodzaak om uitdagingen aan te gaan, strategische wendbaarheid te tonen en verandering te leiden.

LEDEN VAN ONTEX AUSTRALIË'S VEILIGHEIDSCOMMISSIE VOOR HET VEILIGHEIDSBORD DAT HET AANTAL ONGEVALLENVRIJE DAGEN WEERGEEFT

DOWN UNDER ONGEVALLENVRIJ

Bij Ontex omarmen we een sterke veiligheidscultuur waarbij ons uiteindelijke doel veiligheid is voor al onze mensen. We zien nu de resultaten van het belangrijke werk waarin we de afgelopen jaren hebben geïnvesteerd. Er zijn een paar ongelukken geweest, maar de aantallen zijn blijven dalen (meer informatie op pagina 21). In Australië bijvoorbeeld, bestaat onze veiligheidsfilosofie op locatie uit een aantal simpele stappen, met als resultaat 22 maanden zonder verzuimongevallen. Dit omvat de inzet van het management team dat veiligheid als topprioriteit ziet, duidelijke en zichtbare normen voor veiligheidsprestaties, het goede voorbeeld geven, betrokkenheid van werknemers bij veiligheid, communicatie over grote risico's en bijna-ongevallen om kennis over risico's te bevorderen, en snelle actie bij de aanpak van problemen.

van zowel de afgestudeerden als de mensen die waren aangewezen om hen te begeleiden en te coachen, geeft aan dat we op de goede weg zijn.

IMPLEMENTATIE VAN DE BEVINDINGEN VAN DE PERSONEELSBEVRAGING

De personeelsbevraging van 2017 heeft ons een goed beeld gegeven van waarom onze medewerkers graag voor ons werken en wat we kunnen doen om van Ontex een nog betere werkplek te maken. Nadat de resultaten van de bevraging bekend waren, zijn we teruggegaan naar onze medewerkers, niet alleen om de bevindingen te delen, maar ook om die in de juiste context te plaatsen. Zo konden we samen lokale initiatieven identificeren en opzetten om ons te helpen van Ontex een geweldige werkplek te maken.

In het Verenigd Koninkrijk hebben we bijvoorbeeld een flexibel werkbeleid ingevoerd naar aanleiding van de bevraging. We hebben ook workshops voor medewerkers geïntroduceerd gericht op de positieve kanten van verbale erkenning, en een prijs voor medewerker van de maand. De introductie van een lokaal bulletin werd gezien als belangrijk middel om het personeel op de hoogte te houden van nieuws, het binnenhalen van een contract te communiceren en teams of individuen in het zonnetje te zetten.

In onze hightech productiefaciliteit in Buggenhout, België (onze belangrijkste locatie voor incontinentieverband), zijn wijzigingen doorgevoerd in ogenschijnlijk kleine zaken zoals de maandelijkse nieuwsbrief. Er heeft een evaluatie plaatsgevonden van de beoordelingsprocedure van medewerkers op de werkvloer en er zijn, naar aanleiding van feedback uit de personeelsbevraging, flexibele werkuren geïntroduceerd.

LOOPBAANMANAGEMENT BINNEN HANDBEREIK

We hebben een tool voor loopbaanmanagement gelanceerd die medewerkers naar eigen inzicht kunnen gebruiken als ze willen investeren in hun loopbaan. Anders gezegd: werknemers nemen het heft zelf in handen. Met behulp van het nieuwe Persoonlijke Groeiplan (PGP) kunnen medewerkers een ontwikkelingsplan opstellen, de benodigde ondersteuning krijgen om hun volledige potentieel te benutten en daarbij zelf de verantwoordelijkheid nemen voor hun ontwikkeling. Het is zo ontworpen dat elke medewerker kan bepalen wat echt belangrijk is. Het plan helpt hem of haar te zien hoe vaardigheden en competenties zich ontwikkelen in onze snel veranderende wereld en wat hij of zij moet doen om zijn of haar professionele doelen te bereiken.

VERBETERINGEN OP VLAK VAN VEILIGHEID

De verschuiving van een afwachtende naar een diepgewortelde en proactieve houding op het gebied van gezondheid en veiligheid (H&S), is in 2018 onder leiding van een stuurcomité bestaande uit vier leden van de directie, onverminderd doorgegaan.

We zijn blij te kunnen melden dat zowel de frequentie als de ernst van de ongevallen is blijven dalen (zie grafieken), waardoor we op schema liggen voor onze 2020-doelstellingen. Meer training en de werving van speciale H&S-verantwoordelijken lijkt een positief effect te hebben gehad op het streven naar het uiteindelijke doel van 'zero accidents'.

In 2018 hebben we de certificatie van onze productielocaties veranderd van OHSAS 18001 naar ISO 45001. Volgend jaar zullen er nog bijkomende locaties gecertifieerd worden volgens ISO 45001. Het doel is om rond 2020 minimaal 50% gecertificeerde locaties te hebben.

VASTE VERBINTENIS TOT RESPECTEREN VAN DE MENSENRECHTEN

Elke soevereine staat heeft de plicht zijn burgers te beschermen tegen schendingen van de mensenrechten door een passend wettelijk kader. Soms werkt dit niet door een gebrek aan handhaving of zelfs het gebrek aan erkenning van die rechten. Ongeacht de situatie verplichten wij ons ertoe de mensenrechten altijd te respecteren, waar we ook actief zijn. In 2017 hebben we ons mensenrechtenbeleid gepubliceerd, waarin we onze volledige steun betuigen aan de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de VN en de Verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) over fundamentele principes en rechten op het werk. We verwachten dat onze zakelijke partners onze verbintenis delen en moedigen ze sterk aan om deze verwachtingen te delen met de personen met wie zij zaken doen.

Als onderdeel van onze reis om de mensenrechten van werknemers te bevorderen en de wereldwijde arbeidsmarkten positief te beïnvloeden, hebben we in 2018 een nieuw social compliance-programma op onze locaties ingevoerd, inclusief sociale audits door derden. Daarnaast hebben we ons programma voor

Ontdek meer online

• Mensenrechtenbeleid http://www.ontexglobal.com/sites/default/files/ human_rights_policy_0.pdf

  • Verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) https://www.ilo.org/declaration/thedeclaration/ textdeclaration/lang--en/index.htm
  • Leveranciersgedragscode http://www.ontexglobal.com/sites/default/ files/2018_supplier_code_of_conduct.pdf
  • Ethisch verantwoorde bevoorrading http://www.ontexglobal.com/sites/default/ files/2018_ethical_sourcing_requirements.pdf

  • Oppervlakkige verwondingen (bijv. blauwe plekken, beknelde vingers, enz.) 25%
  • Open wonden/snijwonden veroorzaakt door scherpe randen van machines of machineonderdelen 20%
  • Overbelasting, verstuiking en ontwrichting 8%
  • Schaaf- en snijwonden veroorzaakt door een mes, cutter of schaar 8%

Andere 39%

ISO 45001 GECERTIFICEERDE VESTIGINGEN (%)

ERNSTGRAAD2

93 95 LEVERANCIERS-GEDRAGSCODE GETEKEND (%)

2016 2017 2018

0 STERFGEVALLEN IN ONZE VESTIGINGEN WERELDWIJD

    1. Aantal arbeidsongevallen per miljoen gewerkte uren.
    1. De ernstgraad wordt berekend door het totale aantal verloren werkdagen te vergelijken met het totale aantal geplande werkuren voor de werknemers. Het aantal verloren dagen begint de dag na het ongeval.

MEDEWERKERS

50 VERSCHILLENDE NATIONALITEITEN

WERELDWIJD

LEEFTIJD (%)

30-50 jaar 61% > 50 jaar 13%

SOORT CONTRACT (%)

Bepaalde duur 20% Onbepaalde duur 76% Interim/tijdelijk 4%

ethisch inkopen geactualiseerd waarbij we onze gedragscode voor leveranciers en de regels voor ethisch verantwoorde bevoorrading hebben herzien.

BEDRIJFSETHIEK Ethische Code

De Ethische Code van Ontex (Code) is onze leidraad bij het zakendoen.

In 2018 hebben we een communicatiecampagne gelanceerd die elk kwartaal een ander thema uit de Code belichtte. Onder andere het gebruik van sociale media, de omgang met vertrouwelijke gegevens, intellectuele eigendomsrechten en ons beleid inzake geschenken, gastvrijheid en economische sancties. Via onze lokale compliance-coördinatoren hebben we ook een aantal initiatieven geïntroduceerd om mensen bewust te maken van diverse onderwerpen uit de Code.

We hebben onze screeningprocedure voor zakenpartners geïntensiveerd om ze te toetsen op zaken zoals naleving van economische sancties, mededingingsrecht, anti-omkoping, het witwassen van geld en ander onwettig of onethisch gedrag. Dit zal bijdragen aan het efficiënter en sneller oplossen van mogelijke risico's die worden gesignaleerd door de externe screeningtool waar we gebruik van maken.

Ontdek meer online Ethische Code

http://www.ontexglobal.com/sites/ default/files/code_of_ethics_-_2017_-_ english_external.pdf

Algemene Verordening inzake Gegevensbescherming (AVG)

De nieuwe AVG is in 2018 in werking getreden. Het hele jaar door hebben we bij al onze Europese locaties herziene processen, procedures, beleidslijnen en sjablonen ingevoerd en geïmplementeerd om te voldoen aan de nieuwe regelgeving. Dit is aangevuld met trainingen. Ter ondersteuning van onze inspanningen hebben we ook een specifieke community voor gegevensbescherming in het leven geroepen die optreedt als lokaal aanspreekpunt.

Mededingingsrecht

De inspanningen afgelopen jaar om het bedrijf te beschermen tegen het risico van niet-naleving van de mededingingswetgeving, waren voornamelijk gericht op handelsverenigingen en bijeenkomsten met concurrenten. Werknemers die lid zijn van handels- of brancheverenigingen, zijn speciaal getraind in hoe ze moeten optreden op officiële bijeenkomsten (en informele evenementen) waar concurrenten, klanten en andere spelers uit onze branche bijeenkomen. Daarnaast hebben we tijdens salesconventies in Mexico en Brazilië het afgelopen jaar gebruikgemaakt van de gelegenheid om de salesteams van de Divisie Americas Retail, bij te scholen in mededingingsrecht. Onze mondiale e-learning herhalingscursus over mededingingsrecht staat gepland voor 2019 en is bedoeld voor alle sales- en marketingmedewerkers en het Extended Leadership Team.

Anti-omkoping en corruptie

Volledige naleving van de regelgeving ter bestrijding van omkoping en corruptie blijft een belangrijk aandachtsgebied. Het is onze plicht te zorgen dat onze mensen zich bij hun dagelijkse werkzaamheden volledig bewust zijn van de risico's van corruptie en omkoping. In het laatste kwartaal van het jaar hebben we een campagne gelanceerd die specifiek gericht is op kennis van onze regels over geschenken en gastvrijheid. Tijdens de salesconventies, zijn de salesteams in Mexico en Brazilië ook getraind op het gebied van anti-omkoping en anti-corruptie (zie hierboven).

Nieuwe Gedragscode voor Leveranciers

In de loop van het jaar hebben we onze Gedragscode voor Leveranciers geëvalueerd die we alle leveranciers vragen te ondertekenen voordat ze een contract met ons sluiten. We verwachten dat zij op dezelfde manier zullen handelen als wij (en de personen die namens ons handelen) aangaande corruptie, mededingingsrecht en het witwassen van geld, maar ook wat betreft mensenrechten en andere criteria. Onze nieuwe Gedragscode voor Leveranciers is beschikbaar op onze corporate website.

ZORG IN DE GEMEENSCHAP

Als onderdeel van ons streven om onze teams te betrekken en iets belangrijks te doen voor hun gemeenschap, hebben we in april in Brazilië Ontex Cuida (Ontex Cares) gelanceerd. Via Ontex Cuida doneren we luiers aan vier lokale instellingen, voorgedragen door onze Braziliaanse medewerkers, die zorgen voor kinderen en ouderen.

LOKALE BETROKKENHEID – VAN BELANG VOOR ONZE GEMEENSCHAPPEN EN VOOR ONS

Ontex is een internationaal bedrijf. Maar we zijn sterk afhankelijk van lokale bedrijven. We moedigen fabrieken aan om vertrouwen en betrokkenheid van de lokale gemeenschappen op te bouwen en zo de goodwill voor het merk Ontex te stimuleren. Ons doel is dat eind 2020, alle fabrieken en lokale kantoren een activiteit hebben die in sociaal of ecologisch opzicht gekoppeld is aan hun gemeenschap en bedrijf. In 2018 heeft 50% (2017: 70%) van onze fabrieken op een eigen manier bijgedragen aan het gemeenschapsleven.

ONZE PRODUCTEN OP WEG OM VLUCHTELINGEN TE HELPEN

DONATIE VAN HYGIËNEPRODUCTEN VOOR VROUWEN AAN VLUCHTELINGENKAMP

Naar schatting heeft bijna 60% van de ontheemde vrouwen of vrouwen in vluchtelingenkampen geen toegang tot ondergoed of hygiëneproducten voor vrouwen. In september 2018 heeft Ontex vijf pallets met hygiëneproducten voor vrouwen geschonken aan de Asociación Karuna Acción para el Desarrollo, een non-profit organisatie die betrokken is bij de campagne om dit probleem op te lossen, voor distributie in een vluchtelingenkamp op Lesbos, Griekenland.

'THE 5 CHAIRS' – ONZE MENSEN VOORBEREIDEN OP DE TOEKOMST

Voor elke dimensie van leiderschap hebben we specifieke initiatieven opgezet. Het trainingsprogramma 'The 5 Chairs' bijvoorbeeld, dat letterlijk gebruikmaakt van vijf verschillende leerstoelen, wordt de komende twee á drie jaar bij alle medewerkers ingezet om hun persoonlijke leiderschapsvaardigheden te ontwikkelen. De training benadrukt nogmaals ons geloof in de menselijke kant van ons bedrijf en zorgt dat medewerkers en managers zich zullen blijven richten op interpersoonlijke vaardigheden en teamwork.

'The 5 Chairs'-training geeft werknemers de instrumenten en de steeds belangrijkere soft skills om te kunnen omgaan met een werkomgeving die steeds vluchtiger, onzekerder, complexer en ambiguer wordt, waarin banen geautomatiseerd en digitaal worden. Het doel van de training is om mensen in staat te stellen het gedrag te kiezen dat ze nodig hebben om zichzelf en anderen te managen en succesvol te zijn onder alle omstandigheden, niet alleen op de werkplek maar ook daarbuiten.

OM ELKE WERKNEMER TE HELPEN ZIJN OF HAAR GEDRAG TE BEHEERSEN EN HET GEDRAG VAN ANDEREN TE STUREN, WORDT IEDEREEN IN DE ONTEX GEMEENSCHAP UITGENODIGD OM DE KRACHTIGE 'THE 5 CHAIRS'-TRAINING TE VOLGEN. HIERBOVEN AFGEBEELD IS HET ONTEX TEAM UIT VILLEFRANCHE NADAT ZE DE TRAINING SUCCESVOL AFGEROND HADDEN.

DARE TO EXPLORE NEW HORIZONS.

We weten dat we daar moeten zijn waar onze klanten en consumenten zijn. Daarom zijn digitale activiteiten bij onze eigen merken en die van onze klanten in 2018 sterk toegenomen, omdat we meer vat hebben gekregen op de dynamiek van deze marktbenadering.

Afgelopen jaar hebben we het eerste Ontex babymerk gelanceerd dat alleen via een online abonnement wordt verkocht. Little Big Change biedt consumenten de zekerheid van meer

dan 40 jaar ervaring in luierproductie samen met een flexibele en zeer aanpasbare aankoop- en leveringsservice.

Ze zijn zacht en leveren uitstekende prestaties wat betreft droogheid. Er zijn geen parfums toegevoegd en alle grondstoffen zijn grondig gescreend om conformiteit aan de Oeko-Tex 100-criteria te garanderen. Bovendien is de kern van het product volledig chloorvrij gebleekt (TCF). De dermatologische veiligheid is door testen

bewezen met als resultaat een 5-sterren Seal van het bedrijf Dermatest.

Het abonnementsmodel is belangrijk voor de consument en voor Ontex. We leren er veel van en verbeteren onze huidige Little Big Change-activiteiten. We bereiden ons voor om dit bedrijfsmodel op te schalen zodat andere categorieën en markten ervan kunnen profiteren.

'A BIG CHANGE' NIET ALLEEN VOOR DE KLEINTJES… MAAR OOK VOOR HUN OUDERS

DIGITAAL IS VAN INVLOED OP ELK ONDERDEEL VAN ONS BEDRIJF EN ONZE ACTIVITEITEN. ONZE ACTIVITEITEN OMVATTEN DIRECT-TO-CONSUMER-MODELLEN, LEVERANCIERSRELATIEBEHEER EN DE DIGITALISERING VAN ONZE EIGEN PRODUCTIEPROCESSEN.

BOUWEN AAN EEN DIGITAAL ECOSYSTEEM

Nu digitalisering zich van een mondiale trend tot een dagelijkse realiteit transformeert, zijn we pragmatisch blijven investeren in digitale competenties en vaardigheden om te zorgen dat we kunnen voldoen aan de wensen van onze klanten en consumenten en aan de behoeften van Ontex als organisatie.

De adoptie van digitaal vereist een flexibele mentaliteit en een wendbare structuur; beide zijn Ontex in het verleden goed van pas gekomen. Vorig jaar hebben we de basis gelegd voor een eigen gespecialiseerd digitaal kenniscentrum. Ons doel is zelf innovatieve technologische oplossingen te ontwikkelen en te integreren, digitale expertise aan te bieden aan onze lokale markten en onze digitale gebruikersgemeenschap te bundelen. Dit helpt ons bij het opbouwen van de noodzakelijke digitale capaciteiten en een ecosysteem dat onze agenda voor digitale transformatie kan aansturen, om nieuwe zakelijke groeikansen te creëren en Ontex een sterk concurrentievoordeel te geven.

DARE

DIGITALISERING VAN PRODUCTIE

We hebben een lange traditie in productie en onze mensen hebben bewezen dat ze consequent innovatief zijn in het verbeteren van de kwaliteit en efficiëntie van onze productielijnen. Op de echte Ontex manier zijn we altijd op zoek naar een betere aanpak en maken we gebruik van innovaties op het gebied van rekenkracht om onze bedrijfsvoering te verbeteren. In 2018 hebben we een aantal proefproductielijnen uitgerust met geavanceerde analytische apparatuur. Dankzij deze nieuwe gegevensbronnen krijgt ons fabriekspersoneel nieuwe inzichten die onze teams helpen om een hoger niveau te bereiken qua efficiëntie en productkwaliteit.

  1. Bron: Kantar Worldpanel.

IN 2018 HEBBEN WE EEN AANTAL PRODUCTIELIJNEN GETEST MET GEAVANCEERDE ANALYTISCHE APPARATUUR OM ONS TE HELPEN EEN HOGER NIVEAU TE BEREIKEN QUA EFFICIËNTIE EN PRODUCTKWALITEIT

NIEUWE MOEDERS ZIJN

4X MEER GENEIGD DAN DE GEMIDDELDE PERSOON OM ONLINE CONSUMENTENGOEDEREN TE KOPEN1

ONLINE VERRUIMT HET CONSUMENTENAANBOD

REIKWIJDTE VAN DIGITAAL AANBOD

Tussen onze categorieën en markten bestaan op het vlak van digitale acceptatie en maturiteit, opvallende verschillen. Het merendeel van de hygiëneproducten wordt in Zuid-Korea bijvoorbeeld online gekocht, maar in bepaalde Latijns-Amerikaanse en Afrikaanse markten ten zuiden van de Sahara, is dat percentage bijna nul. En ook al zijn online aankopen mondiaal gezien nog steeds een relatief klein fenomeen, dit groeit snel. Deze verschillen vereisen dat we een digitaal aanbod hebben met als algemeen doel dat we ons ontwikkelen en groeien met elk kanaal.

Hieronder staan enkele voorbeelden van hoe we onze klanten en consumenten wereldwijd, via digitale kanalen, steeds meer betrekken bij onze inspanningen om de complete digitale reis voor hen te optimaliseren. Verder zijn we blijven samenwerken met retailermerken, hebben we hun e-strategieën ondersteund en hebben we meegewerkt aan het ontwikkelen van oplossingen voor e-commerce. We hebben grote online direct-to-consumer-spelers in de VS, Europa en China benaderd en beleverd, en zoals vermeld op pagina 8, lanceren we ook eigen merken via digitale kanalen.

Direct-to-consumer verzorgingsproducten voor volwassenen

In Italië hebben we een online abonnementsmodel gelanceerd voor incontinentieproducten van het merk Serenity op een direct-to-consumer basis om consumenten een ruimere keuze te bieden in hoogwaardige producten en diensten dan we nu aanbieden. Dezelfde technologie is ingezet als bij de Little Big Change-luiers. Het aanpassen van interne standaardtechnologie biedt een snellere weg naar de markt en bespaart ontwikkelingskosten.

DOOR ONS INNOVATIEVE AANBOD ZIJN WE IN TURKIJE LEIDER IN ONLINE ENGAGEMENT

Leider op het gebied van online engagement

In Turkije wordt Ontex erkend als de online engagement leider van alle babymerken (niet alleen luiers). We hebben de multichannelbenadering rond onze Canbebe-luier verder ontwikkeld met als doel het gebruik van luiers nog meer te democratiseren. Toen we een nieuwe luier introduceerden met betere anti-lekrandjes aan de voor- en achterkant en zeer goede prestaties wat betreft droogheid, hebben we onze digitale activiteiten versneld. Naast online influencers hebben we het 'Future with Mums'-initiatief opgezet, met onder andere streaming uitzendingen met experts en live interactie met moeders. We hebben ook online tips voor ouders en hun baby's en video's op Instagram gepost. Onze nieuwe aanpak (vergeleken met klassieke luiercampagnes) is succesvol gebleken. De campagne had op YouTube bijna 24 miljoen views en bijna 2000 reacties waardoor we beter in contact konden komen met onze doelgroep.

  1. Bron: Kantar Worldpanel.

INZET VAN DIGITAAL OM INTERNE PROCESSEN TE VERBETEREN

Reacties of feedback op een product zijn tegenwoordig direct beschikbaar. De digitale wereld houdt ons waakzaam en dat vinden we een positieve ontwikkeling. Het verplicht ons om gevestigde processen en hoe we omgaan met zaken als kwaliteitskwesties, opnieuw tegen het licht te houden. In 2018 heeft onze kwaliteitsafdeling een mondiale digitale module ontwikkeld voor de afhandeling van niet-conforme producten. Hiermee kunnen we de kosten van niet-kwaliteit in fabrieken opvolgen, dit zal in 2019 verder worden uitgerold.

INNOVATIE

HOE ZORGT ONTEX DAT ALLE CRUCIALE PARAMETERS BIJ PRODUCTONTWIK- KELING GEBRUIKMA- KEN VAN DE MEEST INNOVATIEVE OPLOSSINGEN?

DARE TO SET HIGHER STANDARDS.

Het proces bestaat uit consumentenonderzoek, onze eigen technische innovatiecapaciteiten en natuurlijk nauwe samenwerking met leveranciers om te zorgen dat het allerbeste en allernieuwste ons ter beschikking staat. Toen we bijvoorbeeld de absorberende kern van babyluiers verder wilden ontwikkelen, was het duidelijk dat een van de belangrijkste parameters was dat ze vorm moesten behouden ook wanneer ze volledig verzadigd zijn.

We wilden dat de vloeistof via 'kanaaltjes' langs de luierkern liep, in feite materiaalvrije zones tussen twee lagen non-woven materiaal. De hechting tussen de lagen werd als kritiek beschouwd. Die moest zorgen dat de kanaaltjes onder alle omstandigheden, hun vorm behielden.

Ons R&D-team heeft nauw samengewerkt met een gespecialiseerde leverancier van smeltlijm om de gewenste lijm te ontwikkelen. De nauwe

samenwerking tussen onze R&D-mensen en hun experts in de ontwikkelingsen de testfasen, resulteerde in een nieuwe lijm die aan de veeleisende behoeften voldeed.

Meer dan een jaar geleden hebben we ons unieke 'Flow Channel' gelanceerd met positieve feedback van consumenten. Onze unieke kanaalkernen bleken een winnend concept, mede dankzij de nauwe samenwerking tussen beide bedrijven.

ELK JAAR OPNIEUW IS DE VINDINGRIJKHEID VAN ONZE MENSEN EN HET KUNNEN SAMENWERKEN MET DIVERSE EXPERTS, CRUCIAAL VOOR DE ONTWIKKELING VAN INNOVATIEVE PRODUCTEN

BIJ ONTEX DENKEN WE DAT DEGENEN DIE VERANDERINGEN INITIËREN, MEER KANS HEBBEN OM ONAFWENDBARE VERANDERINGEN DE BAAS TE KUNNEN EN DAARVAN TE PROFITEREN. DAAROM IS INNOVATIE EEN BELANGRIJKE PRIORITEIT EN INVESTEREN WE VOORTDUREND IN PROCESSEN, TECHNOLOGIE EN MENSEN ZODAT WE TOT DE VOORHOEDE VAN ONS VAKGEBIED BLIJVEN BEHOREN.

In 2018 hebben we in al onze categorieën met succes nieuwe producten en productplatforms geïntroduceerd, waardoor we opnieuw hebben laten zien dat we onze klanten en consumenten blij kunnen maken. Een van de belangrijkste aandachtspunten was het Ontex-innovatiemodel op doortastende wijze te transformeren en te optimaliseren. Daarbij hebben we zaken als proces- en veranderingsmanagement onder de loep genomen om te waarborgen dat we altijd kunnen leveren. Innovatie is veel meer dan design. Daarom hebben we een beroep gedaan op een multifunctionele werkgroep die productie, marketing, prijsstelling, R&D en meer vertegenwoordigt, om de afzonderlijke aspecten van het innovatieproces te benoemen. De gesprekken gingen niet alleen over onze aanpak, maar ook over onderwerpen als waar beslissingen worden genomen, wie betrokken moet worden en hoe de productiviteit kan worden verhoogd. We hebben een paar proefworkshops gehouden om het model te testen en zijn van plan om de verbeteringen in 2019 in te voeren.

DARE

GRENSOVERSCHRIJDENDE SAMENWERKING

Wereldwijd hebben we negen gespecialiseerde R&D-centra die gericht zijn op innovatie voor onze eindgebruikers. In 2018 hebben we de samenwerking tussen onze R&D-centra in Mexico en Europa uitgebreid, om ons te kunnen richten op duurzame innovaties en te zorgen dat deze centra konden profiteren van elkaars werk. In onze fabriek in Großpostwitz in Duitsland hebben we ook ons kenniscentrum voor tampons officieel geopend.

VOORTDURENDE PRODUCTINNOVATIE

Op het vlak van innovatie hebben we voor een nieuwe aanpak gekozen waarbij we kijken naar de algemene onderwerpen (en niet categorie-specifieke) die aan het licht zijn gekomen bij ons klantenonderzoek. De drie belangrijkste gebieden waren langdurige absorptie, zachtheid, en vrouwelijkheid bij dameshygiëne. De voorbeelden op deze pagina's belichten wat we op elk van deze vlakken hebben bereikt.

ONTWIKKELD VOOR DISCRETIE

De broekjes voor volwassenen zijn volledig opnieuw ontworpen om comfort, hoe ze aanvoelen en de lekvrije eigenschappen te verbeteren. Door het nieuwe discrete profiel met lage taille zijn ze volgens de meest recente consumentenvoorkeuren aantrekkelijker.

SOFT AND EASY

We hebben nieuwe kerntechnologie geïntroduceerd voor onze babyluiers in Mexico, gericht op het gebruik van duurzame alternatieven, zachtheid, absorptietijd en nieuwe sluitingen.

LANGDURIGE ABSORPTIE

Onze nieuwe kanaaltechnologie voor luierkernen verbetert het comfort voor baby's. Het zorgt voor goede en langdurige absorptie en opname van vloeistoffen zodat huidcontact minimaal is en slapheid wordt voorkomen, ook wanneer de luier verzadigd is. We hebben deze technologie in al onze Europese regio's en Growth Market regio's geïntroduceerd.

KATOENEN ZIEL... TECHNOLOGISCH BREIN

NAT – Nice and True – is een nieuw merk tampons, maandverband en inlegkruisjes dat natuurlijke katoentechnologie en sterke productprestaties verenigt in een complete oplossing voor intieme hygiëne. NAT biedt de gewenste combinatie van natuurlijke zorg en geavanceerde technologie voor een 'no feel'-menstruatie en is in dat opzicht een unieke propositie binnen verzorgingsproducten voor vrouwen. De producten maken gebruik van 100% gecertificeerd biologisch katoen en de tampons hebben applicators op basis van suikerriet.

EEN VROUWELIJKE OPLOSSING

Consumentenonderzoek heeft aangetoond dat vrouwen (van 45 jaar en ouder) een aantal fundamentele behoeften hebben op het gebied van incontinentieproducten: vertrouwen en veiligheid, comfort, discretie en vrouwelijkheid. Ze willen ook een product dat zit en aanvoelt als gewoon ondergoed. In 2018 hebben we nieuwe broekjes voor volwassenen gelanceerd met precies die kwaliteiten om de eigenwaarde en het zelfrespect van vrouwen te helpen herstellen. De light-fittechnologie die is gebruikt bij de samenstelling van de kern, zorgt voor sterke absorptie in een zeer dun broekje. Dunheid betekent ook flexibiliteit, comfort en discretie. Kleurige materialen en ontwerpen met diverse prints en zelfs een textiellabel, helpen om de broekjes meer op ondergoed te laten lijken.

UITBREIDING VAN ONZE SERVICE

Innovatie bleef niet beperkt tot hygiëneproducten. Uit ons onderzoek naar afvalverwerking in verpleeghuizen bleek dat nare luchtjes het belangrijkste probleem was voor bezoekers en personeel, en het negatieve effect daarvan op de perceptie van de kwaliteit van de verpleeghuizen. In 2018 zijn we begonnen met het testen van Odobin, een uniek afgesloten en reukloos afvoersysteem voor incontinentieproducten voor volwassenen. Naast een hermetisch afgesloten afvalbak voor gebruikte luiers, omvat dit speciale hulpmaterialen en training om de blootstellingstijd van geur aan de omgevingslucht te verkorten. De eerste resultaten in het creëren van een betere omgeving voor het verplegend personeel, bezoekers en patiënten zijn zeer positief. We zullen het systeem in 2019 op de markt brengen. NIEUWE CONSUMENTEN AANTREKKEN

Vrouwen die last hebben van lichte incontinentie willen dunne en discrete producten. In 2018 hebben we nieuwe producten ontwikkeld met betere absorptie bij lichte incontinentie. Dit helpt een leemte op te vullen voor vrouwen die betere prestaties willen, maar die geen dik incontinentieverband willen gebruiken. De producten zijn dunner dan het grootste merk en nemen toch tien keer hun eigen gewicht op. Met zekerheid, comfort, discretie en vrouwelijkheid in één product, hoeven vrouwen geen compromissen meer te sluiten en wordt het gemakkelijker voor ze om de stap te zetten naar gebruik van het product.

HOE DRAAGT ONTEX BIJ AAN DE STRIJD TEGEN DE OPWARMING VAN DE AARDE?

PROF. INGRID MOLDEREZ VAN HET CENTRUM VOOR ECONOMIE EN DUURZAAM ONDERNEMEN VAN DE KU LEUVEN, CAMPUS BRUSSEL

DARE TO MAKE A DIFFERENCE.

We beseffen dat de klimaatverandering een dringende en mogelijk onomkeerbare bedreiging vormt voor het bedrijfsleven, de menselijke samenleving en de planeet. We beseffen ook dat we deel uitmaken van een breed, mondiaal geheel. Onze acties en plannen zijn specifiek gericht op het aanpakken van de zorgen die zijn geuit door het IPCC1 , zoals vermeld in hun rapport van 2018.

Onze eerste stap is ons doel om klimaatneutraal te zijn rond 2030 en we hebben ons daartoe ambitieuze doelen gesteld. Het merendeel van onze uitstoot wordt veroorzaakt door het elektriciteitsverbruik van onze fabrieken (91%, vergeleken met 9% andere brandstoffen zoals aardgas en olie), daarom richten we ons vooral op het verminderen van dit aspect van het verbruik. De afgelopen twee jaar hebben we geïnvesteerd in de omschakeling naar 'groene' elektriciteit en al onze Europese vestigingen zijn inmiddels omgebouwd. In 2018 hebben we haalbaarheidsstudies uitgevoerd om te onderzoeken of we nog meer konden doen door zonnepanelen op de daken van onze productielocaties te plaatsen en lokaal onze eigen elektriciteit op te wekken. In 2019 zullen we bij een van onze Europese fabrieken een pilot uitvoeren om de mogelijkheden te beoordelen. Verder blijven we samenwerken met onze partners in de toeleveringsketen om te zorgen voor een multi-actoraanpak in ons streven om klimaatneutraal te worden.

Onze uitstoot van broeikasgassen (scope 1 & 2) was in 2018 3% lager dan in het vorige jaar, zelfs met de grotere scope. Als we naar de koolstofintensiteitsverhouding kijken zien we een daling met 8% vergeleken met 2017, en zelfs een verdere daling van 35% vergeleken met 2014.

We verheugen ons dat onze acties een positieve impact hebben op het reduceren van onze koolstofvoetafdruk.

1. Het Intergouvernementeel Panel inzake Klimaatverandering (IPCC) is het belangrijkste mondiale orgaan voor de beoordeling van wetenschappelijk onderzoek in verband met klimaatverandering, de effecten en potentiële toekomstige risico's daarvan en mogelijke manieren om hierop te reageren.

PRODUCTEN OP EEN VERANTWOORDE MANIER MAKEN IS DE KERN VAN ONS SUCCES. NAAR DEZE ZEKERHEID ZIJN ONZE KLANTEN EN CONSUMENTEN OP ZOEK. HET IS DE WEG NAAR HET VERKLEINEN VAN ONZE IMPACT OP HET MILIEU. OMDAT DUURZAAMHEID EEN VAN DE STRATEGISCHE PIJLERS VAN ONTEX IS, HANTEREN WE ALS GROEP EEN HOLISTISCHE BENADERING VAN VERANTWOORDE PRODUCTIE EN CONSUMPTIE.

In het volgende hoofdstuk gaan we in op de manier waarop we onze activiteiten in 2018 controleren op het gebied van duurzaamheid ten opzichte van onze belangrijkste doelstellingen, zowel wat betreft governance als onze prestaties.

GOVERNANCE OP HET GEBIED VAN DUURZAAMHEID

DARE ISO14001 Ons executive management team is algemeen verantwoordelijk voor duurzaamheidszaken bij Ontex, waaronder verantwoorde productie en consumptie. We hebben een speciaal team verantwoordelijk voor duurzaamheid dat wordt aangestuurd door de directeur Quality, R&D and Sustainability, die lid is van het directieteam en rapporteert aan de CEO. Ook de Raad van Bestuur wordt tijdens vergaderingen regelmatig op de hoogte gehouden van de stand van zaken.

Het Sustainability Steering Committee is actief bij diverse activiteiten van de Groep. Het wordt voorgezeten door de directeur Quality, R&D and Sustainability, komt vier keer per jaar bijeen en bestaat uit vier leden van het directieteam. Het comité coördineert de initiatieven en de doelstellingen van de groep. Het bewaakt de voortgang ten opzichte van de doelstellingen en neemt noodzakelijke beslissingen om onze duurzaamheidsstrategie verder in te voeren binnen de organisatie.

Het duurzaamheidsteam is verantwoordelijk voor de dagelijkse activiteiten. Het implementeert de duurzaamheidsstrategie, stelt doelen en bewaakt de voortgang. Hij ondersteunt ook de productiefaciliteiten en andere functies in hun duurzaamheidswerk. De functies en verantwoordelijkheden voor de inbedding van onze duurzaamheidsstrategie, zijn verdeeld over meerdere afdelingen. In plaats van speciale duurzaamheidsfunctionarissen op fabrieksniveau, zijn we van mening dat deze geïntegreerde aanpak de sleutel is om onze uitdagingen op het vlak van duurzaamheid met succes het hoofd te bieden.

Om te zorgen dat duurzaamheid als systeem wordt ingebed in onze dagelijkse activiteiten, streven we ernaar dat onze belangrijkste fabrieken tegen eind 2020 gecertificeerd zijn volgens ISO 14001 en ISO 50001.

SAMENWERKEN IN PARTNERSHIPS

We beseffen dat we niet al onze doelen alleen kunnen bereiken. In onze hele waardeketen werken we samen met ngo's, overheden, brancheorganisaties en andere bedrijven om onze inspanningen op het gebied van duurzaamheid te stimuleren en te ondersteunen. De tabel hieronder toont waar we actief zijn en onze belangrijkste lidmaatschappen en samenwerkingsverbanden in 2018.

Overzicht partnerships

THEMA PARTNERSHIP PAGINA
Verantwoord bosbeheer FSC® (Forest Stewardship Council) is een mondiale non-profit
organisatie toegewijd aan de bevordering van verantwoord
bosbeheer.
p. 36
PEFC™ (Program for the Endorsement of Forest Certification) is
een internationale non-profit ngo toegewijd aan de bevordering
van duurzaam bosbeheer.
Duurzame consumptie SWAN – een vrijblijvend milieukeurmerk dat de impact van
een product op het milieu evalueert doorheen zijn volledige
levenscyclus.
p. 35
GOTS – wordt erkend als de toonaangevende
verwerkingsstandaard voor textiel gemaakt uit biologische
vezels. Het zet high-level milieucriteria voor de volledige
toeleveringsketen van biologisch textiel, en vereist ook het
nakomen van sociale criteria.
EU Ecolabel – toont aan welke producten of diensten
milieuvriendelijk zijn, rekening houdende met de impact op het
milieu beginnende bij de productie tot aan het verwijderen van
afval.
Mensenrechten in onze
toeleveringsketen
Business Social Compliance Initiative (BSCI) is een
toonaangevend systeem voor toeleveringsbeheer dat bedrijven
steunt bij social compliance en het uitvoeren van verbeteringen
binnen de fabrieken en boerderijen doorheen hun mondiale
toeleveringsketen.
p. 21
End-of-life afval Vlaamse regering p. 35
Duurzaamheid The Shift – een Belgisch duurzaamheidsnetwerk
Gezondheid en veiligheid
van consumenten
EDANA – een internationale vereniging ten dienste van de non
woven en gerelateerde industrieën
p. 35

ONZE VERZORGINGSPRODUCTEN GEBRUIKEN HOUTVEZELMATERIALEN, CONSUMENTEN VERWACHTEN HIERBIJ VAN ONS DAT WE VERANTWOORDELIJKHEID OPNEMEN VOOR HUN AFKOMST. ALLE HOUTVEZELS DIE WE GEBRUIKEN KOMEN VAN LEVERANCIERS DIE GECERTIFICEERD ZIJN VOLGENS FSC® OF PEFC™

ENERGIE

Zoals gezegd is elektrische energie wereldwijd de belangrijkste energiebron van onze productievestigingen. In 2015 hebben we doelstellingen opgesteld voor de vermindering van de broeikasgasemissies. De huidige doelstellingen verlopen in 2020. We zijn bezig onze duurzaamheidsstrategie te herzien en zullen tegelijk nieuwe doelen stellen voor 2030, waarbij we ons waar mogelijk, richten op de huidige stand van de klimaatwetenschap. De nieuwe strategie zal corporate governance versterken en een impuls geven aan kostenbesparingen op de lange termijn door middel van innovatie. Zodra er een akkoord is over de doelstellingen, zullen wij die openbaar maken.

In 2018 zijn we doorgegaan met het actief verlagen van ons elektriciteitsverbruik. Voorbeelden daarvan zijn investeringen in frequentieomvormers, de installatie van ledverlichting en fijnafstelling van de luchtdruk op productiemachines om de prestaties te optimaliseren.

Overzicht energieverbruik

EENHEID 2016 2017 2018
Elektriciteitsverbruik MWh 331.377 354.107 432.309
Aandeel hernieuwbare elektriciteit % 54 60 64
Elektriciteit intensiteitsverhouding
Babyluiers kWh/1000 FG 12,12 12,13 14,02
Babybroekjes kWh/1000 FG 19,93 19,54 24,46
Intieme dameshygiëne kWh/1000 FG 6,03 6,16 6,40
Externe dameshygiëne kWh/1000 FG 5,75 5,82 9,96
Verzorgingsproducten
voor volwassenen (ernstige inco)
kWh/1000 FG 42,14 43,41 45,07
Verzorgingsproducten
voor volwassenen (lichte inco)
kWh/1000 FG 24,01 25,39 25,62
Autobrandstoffen (diesel/gasoline) MWh 9.651 10.831 11.101
Oliebrandstof MWh 2.693 3.537 6.086
LPG MWh 1.125 1.416 2.685
Natuurlijk gas MWh 23.443 27.610 28.233
Houtpellets MWh 576 925 3.542

DE KWESTIE VAN PRODUCTVEILIGHEID

We willen dat onze consumenten erop kunnen vertrouwen dat je onze producten veilig en gezond kunt gebruiken. In diverse publicaties in meerdere markten is bezorgdheid geuit over de aanwezigheid van chemicaliën in het soort producten dat wij maken. Deze toename van 'chemofobie', die ook andere branches treft, heeft de aandacht van de Europese en nationale autoriteiten getrokken. In 2019 zal de EU-commissie een voorstel schrijven voor absorberende hygiëneproducten. Zij kunnen besluiten dat er geen actie nodig is omdat het niveau chemische stoffen minimaal is of ze kunnen ervoor kiezen om een versnelde REACH-procedure te starten zoals eerder bij textiel.

In een aantal landen in Europa en het Verre Oosten is ook onderzoek gedaan op nationaal niveau. De meeste resultaten waren positief, maar er lijkt een algemene behoefte te bestaan aan meer duidelijkheid over aanwezige chemicaliën, de herkomst ervan en of die ook kunnen worden geëlimineerd. Ontex stelt samen met EDANA (de internationale vereniging ten dienste van de non-woven en aanverwante industrieën) een handvest op over 'Substances of Interest' om het debat te verleggen van een vooral emotioneel debat naar een strikt wetenschappelijk discours inclusief een lijst met chemicaliën, toleranties en detectiemethoden.

DUURZAME CONSUMPTIE

De belangstelling voor aantoonbaar gezonde producten blijft groeien. We zijn toegewijd aan het ondersteunen van eco- en gezondheidslabels. We hebben de certificering van onze grondstoffen en onze eigen merkproducten verder uitgebreid opdat consumenten zichtbaar bewijs hebben van de milieuprestaties van het product. In bepaalde landen, met name in Scandinavië, zijn eco- en gezondheidslabels zoals SWAN en Astma & Allergie, vaak een vereiste. Ons aandeel gelabelde producten is de afgelopen drie jaar gestaag gegroeid. In 2018 was 31% (29% in 2017) van onze totale omzet afkomstig van producten met een of meer eco- of gezondheidslabels.

DE UITDAGING VAN GEBRUIKTE HYGIËNEPRODUCTEN

Gebruikte producten voor persoonlijke hygiëne vormen een belangrijk deel van het huishoudelijk afval. In Europa wordt het grootste deel van dit afval verbrand en wordt de energie gerecupereerd. Maar dit is slechts één model. In samenwerking met de Vlaamse overheid voeren we momenteel een haalbaarheidsstudie uit waarbij we de hele toeleveringsketen betrekken om andere manieren te bekijken om gebruikte hygiëneproducten te recyclen en waarde terug te winnen. Vragen als: kunnen we bij het ontwerp rekening houden met recycling, kunnen we gerecyclede materialen gebruiken in de productie, kunnen we samenwerken met anderen om nieuwe recyclingtechnieken toe te passen, komen allemaal aan de orde.

EMISSIES

GHG emissions intensity ratio (gCO2/€)

PRODUCTEN MET EEN OF MEER ECO- OF GEZONDHEIDSLABELS (%)

BELANGRIJKSTE GRONDSTOFFEN

  • Pulp 49%
  • SAP (superabsorberend polymeer) 23%
  • Plastic non-woven 17%
  • Plastic film 6%
  • Lijm & vochtigheidsindicatoren 3%

Tapes 1%

Viscose 1%

100% BIOLOGISCH KATOEN IN ONZE TAMPONS

100% FLUFF VAN GECERTIFICEERDE OF GECONTROLEERDE BRONNEN

VOOR VOLWASSENEN

VERANTWOORDELIJKE INKOOP VAN MATERIAAL

De beschikbaarheid van grondstoffen voor de vervaardiging van onze producten is van cruciaal belang. De kosten van grondstoffen en verpakkingen bedragen tot 80% van onze verkoopkosten. Twee van de belangrijkste materialen die in onze producten worden gebruikt, zijn pluispulp en SAP (zie grafiek). Met het oog op de gezondheid en veiligheid van de consument, is het voor onze activiteiten van cruciaal belang dat we inkopen bij duurzame bronnen.

In 2018 is ons speciale auditteam van leveranciers in het kader van onze inspanningen voor risicobeheersing, doorgegaan met het evalueren van grondstoffenleveranciers. Daarbij zijn alle aspecten van hun prestaties aan bod gekomen.

Bosproducten

Onze hygiëneproducten maken gebruik van houtvezelmaterialen. De consument verwacht van ons dat wij de verantwoordelijkheid nemen voor de herkomst daarvan. Alle houtvezels die we gebruiken zijn afkomstig van leveranciers die FSC® of PEFC™ gecertificeerd zijn. We specificeren dat alle vezels minimaal voldoen aan de FSC Controlled Wood-standaard, wat betekent dat de herkomst van de vezels is geverifieerd door een onafhankelijke derde partij. We blijven ambitieuze doelen stellen en ondersteunen actief de duurzame productie van bosbouwproducten door leveranciers.

Katoen

Katoen betreft maar een klein deel van de materialen die in onze producten worden gebruikt, maar we hebben oog voor de arbeids- en milieuoverwegingen bij katoen. Al de katoen die we gebruiken in tampons is biologisch gecertificeerd, d.w.z. geteeld zonder giftige of persistente pesticiden en meststoffen, met methoden die compatibel zijn met het milieu zoals regeneratie en biologisch diverse landbouw.

MEER UIT MINDER

Door onze nauwe samenwerking met leveranciers kunnen we toegespitste, op gegevens gebaseerde keuzes maken bij het ontwikkelen van manieren om onze behoefte aan grondstoffen te verminderen en duurzame opties te vinden. Een factor die veel invloed heeft op het gebruik van hulpbronnen, is het gewicht van het product. We richten ons voortdurend op het gebruik van minder materiaal zonder dat dit ten koste gaat van de prestaties of de waarde voor de klant. Zo heeft het herontwerp van onze broekjes voor volwassenen in 2018, 389 ton materiaalbesparing opgeleverd en aanpassingen aan onze babyluiers 222 ton, beide zonder verlies van prestaties.

Overzicht materiaalgebruik

EENHEID 2016 2017 2018
Daling in gebruikte materialen vergeleken met
2014
Babyluiers % -4 -5 -10
Babybroekjes % 0 0 -8
Externe dameshygiëne % 3 6 N.B.1
Verzorgingsproducten voor volwassenen
(lichte inco)
% -1 -3 -6
Verzorgingsproducten voor volwassenen
(ernstige inco)
% -4 -7 -11
Hernieuwbare grondstoffen
Aandeel hernieuwbare productgrondstoffen % 50 48 50
Aandeel hernieuwbare verpakkingsgrondstoffen % 80 80 82
Gerecycleerde inputmaterialen ton 0 0 0
Organisch katoen % 99 100 100
Houtaankoop
Gecertificeerde bronnen (FSC®/PEFC™) % 43 35 55
Gecontroleerde bronnen % 57 65 45
  1. Trend data is niet beschikbare omwille van een update in de rapporteringsmethodologie.

PRODUCTIEAFVAL

Ons doel is om indien mogelijk, afval te elimineren tijdens de gebruiksduur van onze producten. In de productie bijvoorbeeld, ontwikkelen we onze producten zo dat zo min mogelijk afval ontstaat. En waar afval is, zien we dat als een waardevolle bron voor nieuwe producten en materialen.

We werken voortdurend aan het verbeteren van onze recyclingprocessen, onder andere door samen te werken met experts op het gebied van afvalbeheer om nieuwe recyclingoplossingen te vinden voor materiaal dat eerder werd afgevoerd of verbrand.

In 2018 is 86% van ons productieafval gerecycleerd of verbrand met terugwinning van energie. Omdat we het aandeel van de productie in landen met een minder ontwikkelde recyclinginfrastructuur hebben vergroot, is het percentage afval op stortplaatsen licht gestegen tot 14%. Onze doelstelling om teggen eind 2020 geen afval meer te storten blijft van toepassing. We vertrouwen erop dat de programma's die in 2018 van start zijn gegaan, ons op koers houden om dat doel te bereiken.

Overzicht productieafval2

EENHEID 2016 2017 2018
Ongevaarlijk
Voor recyclage ton 23.759 24.136 35.230
Voor verbranding met
energieopwekking/terugwinning
ton 2.308 1.769 2.148
Voor verbranding zonder
energieopwekking/terugwinning
ton 206 465 304
Voor storting/opslag ton 3.506 5.022 5.924
Gevaarlijk
Voor recyclage ton 2.470 501 27
Voor verbranding met
energieopwekking/terugwinning
ton 227 26 167
Voor verbranding zonder
energieopwekking/terugwinning
ton 12 24 36
Voor storting/opslag ton 8 398 29

86%

VAN ONS PRODUCTIEAFVAL WORDT GERECYCLEERD OF VERBRAND MET ENERGIEOPWEKKING/ TERUGWINNING

  1. Afvaldata van onze Ethiopische fabriek zijn niet meegerekend.

WATER

Water wordt bij Ontex niet als materiële kwestie aangemerkt omdat het in de meeste gevallen alleen voor sanitaire doeleinden wordt gebruikt. We beseffen dat de beschikbaarheid van zoet water een van de grootste problemen is waarmee de wereldgemeenschap kampt. In 2017 zijn we begonnen met het monitoren en meten van het waterverbruik in onze vestigingen.

Wij zijn langetermijnpartner van het WaSH-programma (Water, Sanitation and Hygiene) van UNICEF. Door deze samenwerking helpen we voor mensen te zorgen die water het hardst nodig hebben en de hygiënische praktijken wereldwijd te verbeteren.

Overzicht waterverbruik (productiefaciliteiten)

EENHEID 2017 2018
Grondwater 38.361 51.125
Oppervlaktewater 24.161 10.891
Stadswater 115.176 114.457
Regenwater 247 205
Bronwater 20.242 23.613

SOLIDE PRESTATIES IN ALLE PRODUCT-CATEGORIEËN

MEER INFORMATIE OVER ONZE PRESTATIES PER DIVISIE VINDT U OP DE VOLGENDE PAGINA'S. IN DIT ONDERDEEL WORDT INGEGAAN OP DE DRIE CATEGORIEËN WAAROP WE ONS RICHTEN: BABYVERZORGING, VERZORGINGSPRODUCTEN VOOR VOLWASSENEN, EN DAMESHYGIËNE. ONAFHANKELIJKE PROGNOSES GEVEN AAN DAT DE GROEI IN ONZE HYGIËNEMARKTEN DE KOMENDE VIJF JAAR ZAL VERSNELLEN, MET NAME BABYVERZORGING EN VERZORGINGSPRODUCTEN VOOR VOLWASSENEN. WE ZIJN GOED VOORBEREID OM DEZE GROEI OP TE VANGEN IN ALLE CATEGORIEËN. DAARNAAST ZIEN WE BINNEN ONTEX NOG MEER MOGELIJKHEDEN VOOR SYNERGIE BINNEN ONS EIGEN NETWERK OP HET GEBIED VAN INNOVATIE, INKOOP, PRODUCTIE EN TOEGANKELIJKHEID VOOR CONSUMENTEN/KLANTEN.

"Ik blijf ontzag houden voor de veerkracht en ondernemerszin van onze mensen. In de snel veranderende en inderdaad moeilijke omstandigheden van de huidige FMCG-wereld, hebben onze sterke operationele vaardigheden op het gebied van verkoop, marketing, productie en innovatie ons geholpen om uitdagingen het hoofd te bieden en, gezien de omstandigheden, solide prestaties te leveren in al onze productcategorieën."

THIERRY NAVARRE CHIEF OPERATING OFFICER

BABYVERZORGING

Babyverzorging is een wereldwijde activiteit met een omzet van €39 miljard1 die babyluiers omvat, en babybroekjes als nieuwe en snelgroeiende categorie. Alles bij elkaar is dat goed voor de helft van de waarde van de wereldmarkt in hygiëneproducten. De verwachting is dat dit segment de komende jaren met ongeveer 8% zal groeien, vooral in de opkomende markten.

Babyverzorging is veruit onze grootste categorie. Op vergelijkbare basis is de omzet in 2018 licht gedaald ten opzichte van jaar daarvoor. Het jaar kwam langzaam op gang doordat de prijs onder druk stond op diverse markten. Ook hadden we te maken met lagere volumes luiers in Brazilië. Op de meeste andere markten kenden babyluiers een concurrerende groei doordat we kansen met retailermerken hebben benut. Babybroekjes zijn sterk gegroeid, vooral in Europa, waar we hebben geïnvesteerd in nieuwe productiecapaciteit, ondersteund door groei in alle belangrijke markten en verdere expansie in opkomende markten.

VERZORGINGS PRODUCTEN VOOR VOLWASSENEN

Verzorgingsproducten voor volwassenen omvatten producten voor ernstige en lichte incontinentie. De marktroute daarvan varieert, maar loopt met name via instellingen voor ouderenzorg of retailkanalen. De markt wordt wereldwijd gewaardeerd op zo'n €11 miljard1 en beslaat ongeveer 14% van de totale hygiënemarkt. Voorspeld wordt dat de markt de komende vijf jaar met iets meer dan 10% zal groeien door de verdere afbraak van taboes rond zulke producten, toename van de koopkracht in opkomende markten en niet in de laatste plaats, de beschikbaarheid van geschikte incontinentieproducten.

In 2018 stegen de inkomsten uit verzorgingsproducten voor volwassenen in totaal met 3,8% op vergelijkbare basis. We zagen goede groei van de verkoop via het retailkanaal en de institutionele markt bleef stabiel. De verkoop van broekjes voor volwassen was veel hoger en we blijven investeren om te kunnen voldoen aan de sterk stijgende vraag.

DAMESHYGIËNE

Dameshygiëne is een wereldwijde activiteit van €26 miljard1 die tampons, inlegkruisjes en standaard en ultra-maandverband omvat. Deze sector is goed voor 34% van de wereldwijde hygiënemarkt in termen van waarde en is sterk gestandaardiseerd. Het segment zal naar verwachting de komende jaren blijven groeien met ongeveer 6% naarmate de penetratie in de opkomende markten toeneemt.

Vooruitlopend op de onderliggende trends in de marktcategorieën steeg onze omzet op vergelijkbare basis in deze categorie in 2018 met 1,6%. Dit komt voornamelijk door de sequentiële groei van de nieuwe biologische katoenen tampons omdat consumenten aantrekkelijke en eco-compatible alternatieven zoeken als vervanging voor grote internationale merken.

€11MLD1 WERELDWIJDE ACTIVITEIT

MATURE MARKETS RETAIL

"Ons aanbod is gebaseerd op toegespitste en brede consumenten-, shopperen innovatie-expertise die zorgt dat onze consumentenmerken gebruikmaken van de positionering van retailers, en tegelijkertijd een betrouwbaar alternatief vormen voor grote multinationale en nationale merken. Dat is een van de redenen waarom wij nu duidelijk marktleider zijn op de markt voor retailermerken in Europa."

MAURICIO TRONCOSO GENERAL MANAGER, MMR DE DIVISIE MATURE MARKETS RETAIL IS GERICHT OP HET LEVEREN VAN RETAILERMERKEN IN BABYVERZORGING, VERZORGINGSPRODUCTEN VOOR VOLWASSENEN EN DAMESHYGIËNE IN WEST-EUROPA EN AUSTRALIË, EN HEEFT STERKE EN DIEPGAANDE RELATIES MET GEVESTIGDE INTERNATIONALE EN NATIONALE RETAILERS.

PRESTATIES

Voor de Divisie Mature Markets Retail was 2018 een jaar van grote uitdagingen. Onze inspanningen waren niet alleen gericht op het bedienen van klanten, maar vooral ook op het beheersen van de sterke stijging van de inputkosten. We hebben drastische maatregelen getroffen om deze stijging het hoofd te bieden, onder andere door operationele efficiëntie, prijsstelling en strikte kostenbeheersing intern. Hoe moeilijk het ook was om een deel van de inputkosten door te rekenen in de prijs, dit heeft geholpen om erosie van onze algemene marge te beperken. Zoals verwacht zijn we door deze prijsstijging enkele contracten kwijtgeraakt.

In babyverzorging hielden de grootste internationale concurrenten op het gebied van luiers vast aan hun agressieve prijzen en hebben hun promotionele activiteiten opgevoerd. Onze toegenomen productiecapaciteit voor babybroekjes had een positieve invloed op de productmix. Maar aan het begin van het jaar, voordat de nieuwe productiecapaciteit in gebruik werd genomen, hebben we wel enige beperkingen ondervonden. Nu die capaciteit beschikbaar is, is het duidelijk dat klanten en shoppers de voorkeur geven aan onze producten en daarvan profiteren. Om aan de nieuwe markttrends tegemoet te komen zijn we daarnaast doorgegaan met innovaties in de markt zetten, bijvoorbeeld onze nieuwe kanaaltechnologie voor luierkernen bij grote retailklanten.

In verzorgingsproducten voor volwassenen groeiden onze volumes met een hoog ééncijferig percentage, voornamelijk door het aanhoudende succes van onze producten voor ernstige incontinentie, vooral broekjes. In dameshygiëne zagen we in een verder teruglopende markt, goede groei bij de biologische tampons.

Het netto-effect was echter een lichte daling van de gerapporteerde Divisie-inkomsten vergeleken met vorig jaar. Op vergelijkbare basis was de omzet 1.8% lager, ondanks het harde werk, de veerkracht en het aanpassingsvermogen van onze mensen tijdens voor hen nieuwe omstandigheden.

MARKTWAARDE

VERZORGINGS-PRODUCTEN VOOR

STRATEGIE

Onze strategie om de aanbieder van de slimste keuze te blijven, is gebaseerd op het aangaan van vergaande partnerships met retailklanten. Ons doel is unieke kennis en meerwaarde te bieden bij zaken zoals bedrijfsplanning, categorymanagement, shoppergedrag en innovatie, en ze te helpen hun eigen categorieën en merken verder te ontwikkelen. Het afgelopen jaar hebben we specifieke e-commerce-expertise toegevoegd aan ons dienstenpakket om ze te ondersteunen bij het ontwikkelen van een

DAMESHYGIËNE

KERNMARKTEN

SAMENWERKING MET ONZE RETAILKLANTEN OM DE ECOLOGISCHE VOETAFDRUK VAN LUIERS TE VERKLEINEN

Voor veel klanten van ons is duurzaamheid een belangrijk aandachtspunt. In Europa hebben we nauw samengewerkt met een retailklant om de ecologische voetafdruk te verkleinen van de luiers die we voor hen hebben gemaakt. Samen hebben we de hele toeleveringsketen geanalyseerd, van grondstof tot consument, zodat we vervolgens de factoren met de grootste impact konden aanpakken. Het nettoresultaat was een jaarlijkse CO2 -reductie van 400 ton, het equivalent van de gemiddelde jaarlijkse uitstoot van meer dan 140 auto's. Hoe is dat ons gelukt? Om te beginnen zijn deze luiers gemaakt met groene stroom. Er zit ook minder houtpulp in waardoor ze dunner en lichter zijn. Hoewel we hoeveelheid materiaal hebben verminderd, zijn de kwaliteit en het comfort voor de baby verbeterd. Omdat de luiers minder dik zijn, is er minder transportvolume voor nodig. In feite verbruikt een detailhandelaar nu met het nieuwe ontwerp, 40 vrachtwagenladingen minder. Tot slot heeft de vermindering van grondstoffen ook geleid tot een jaarlijkse daling van huishoudelijk afval met 300 ton.

EEN BABY HEEFT GEMIDDELD VIJF LUIERS PER DAG NODIG, GEDURENDE EEN PERIODE VAN ONGEVEER 850 DAGEN (OF 2,5 JAREN). WE WERKTEN SAMEN MET ONZE KLANT OM DE MILIEUVOETAFDRUK VAN HUN LUIERS TE BEREKENEN, VAN GRONDSTOFFEN TOT CONSUMENT. HIERBIJ PAKTEN WE DE FACTOREN AAN MET DE GROOTSTE IMPACT OP HET MILIEU

2014 2015 2016 2017 2018

  1. Bron: Nielsen (December 2018). 2. Vanaf 2017 werd IFRS 15 toegepast.

verder toe (1,6% in waarde). In volume is de totale luiercategorie goed voor 84,9% van de verkoop van babyverzorgingsproducten op de markt1. Op het gebied van babybroekjes blijven toonaangevende merken zich richten op dit

winstgevende segment, waardoor het prijsverschil tussen broekjes en luiers kleiner wordt en promotionele activiteiten worden opgevoerd. Hoewel merkartikelen de groei van broekjes zullen blijven aanvoeren, blijven we ons richten op verdere democratisering van deze trend.

VOORUITZICHTEN

OMZET2

890,1 903,9

multichannellandschap.

OVERZICHT MARKTEN

Retailermerken zijn een groeicategorie in luiers. In de sector babyverzorging nam het marktaandeel van retailerluiers in 2018

Door de succesvolle opstart van de nieuwe fabriek in Polen, op tijd en binnen budget, en investeringen in een paar andere nieuwe productielijnen op diverse locaties het afgelopen jaar, spelen we niet alleen in op marktontwikkelingen, het weerspiegelt ook ons vertrouwen in het segment van de retailermerken, ondanks de uitdagingen van 2018.

De grote stappen die we hebben gezet op de Amerikaanse markt voor babyluiers van retailermerken zijn bemoedigend. Een ander positief punt was dat we maximaal hebben geprofiteerd van de trend in biologische lifestyle-producten op de Amerikaanse markt voor verzorgingsproducten voor vrouwen."

ARMANDO AMSELEM GENERAL MANAGER, AMERICAS RETAIL

DE DIVISIE AMERICAS RETAIL LEVERT ALLERLEI MERKPRODUCTEN AAN MARKTEN OP HET AMERIKAANSE CONTINENT VANUIT PRODUCTIEVESTIGINGEN IN BRAZILIË EN MEXICO, TWEE VAN DE TOP VIJF MARKTEN VOOR PERSOONLIJKE HYGIËNE WERELDWIJD.

PRESTATIES

De gerapporteerde omzet was 1% lager dan vorig jaar, terwijl deze op vergelijkbare basis met 4,5% is gegroeid. Afgezien van Brazilië, zijn de gerapporteerde inkomsten met 3,8% gestegen, op vergelijkbare basis met 9,5%, vooral door de sterke prestaties in Mexico op het gebied van babyverzorging en verzorgingsproducten voor volwassenen, en de versnelde verkopen in de VS op het gebied van babyverzorging en dameshygiëne, het laatste dankzij de duidelijk afgetekende biologische levensstijltrend.

Eerdere overnames begonnen hun vruchten af te werpen. Het was altijd onze intentie om Grupo Mabe (overgenomen in 2016) te benutten voor onderzoek naar mogelijkheden om retailermerken te ontwikkelen in de VS, in waarde de grootste markt ter wereld. In het tweede kwartaal zijn we begonnen met het leveren van producten aan een grote Amerikaanse retailer, een belangrijke mijlpaal voor onze activiteiten in Noord-Amerika.

In Brazilië hebben we snel actie ondernomen om activiteiten te reorganiseren en de problemen te verhelpen die we na de overname in 2018 hebben ondervonden. We hebben de twee productielocaties met succes samengevoegd en hebben nieuwe eigen technologie toegevoegd om toekomstige groeiplannen te ondersteunen. We zijn met onze consumenten in gesprek gebleven over innovatie en hebben het assortiment luiers uitgebreid door de herlancering van een aantal merken.

De voortgang tot nu toe, met elk kwartaal opeenvolgende verbeteringen, geeft aan dat dit uitgebreide turnaround-plan langzaam maar zeker vorm krijgt. Veel krediet gaat naar de teams voor hun vastberadenheid en vasthoudendheid, waardoor ze gemotiveerd bleven in een situatie die werd verergerd door de hoge grondstofprijzen en tegenwind door de wisselkoersen. Dit belooft veel goeds voor de toekomst.

STRATEGIE

Hoewel de problemen in Brazilië dringend moesten worden aangepakt, blijft onze strategie om de duidelijke nummer 3-speler in de regio te zijn in producten voor persoonlijke hygiëne, ongewijzigd. We blijven ons verder richten op onze plannen om de winstgevendheid in Mexico en Brazilië te vergroten, het groeipotentieel in Noord-Amerika te benutten en onze toeleveringsketen te verbeteren.

OVERZICHT MARKTEN

Door de lagere geboortecijfers dalen de volumes in de luiermarkt in Brazilië, Mexico en de VS met ongeveer 3-4%. De waardedaling is ongeveer 1%, omdat nieuwe innovaties in producten en verkoopkanalen terrein winnen. Hoewel de concurrentie sterk was, is het ons gelukt ons marktaandeel in Mexico grotendeels te behouden. We zullen lokale detailhandelaars en belangrijke spelers in alle regio's blijven ondersteunen. De incontinentiemarkt groeit nog steeds in lijn met de vergrijzing van de bevolking.

VOORUITZICHTEN

De retailactiviteiten in Noord- en Zuid-Amerika zijn fundamenteel sterker dan twee jaar geleden. Wanneer deviezen en grondstoffen weer meer voorspelbare patronen laten zien, zal het bedrijf een zeer gezonde basis hebben om ten volle te kunnen profiteren van de verandering.

KERNMARKTEN

MARKTWAARDE

CONSUMENTEN MAKEN ZICH STEEDS MEER ZORGEN OVER DE PRODUCTEN DIE ZE GEBRUIKEN, DE VEILIGHEID DAARVAN EN DE MOGELIJKE GEVOLGEN VOOR HET MILIEU

INNOVATIE ONTMOET BIOLOGISCH

In 2018 zagen we een sterke verschuiving naar biologische producten. In de VS zijn wij een van de leiders op het gebied van biologische hygiëneproducten. Een bepaald percentage van onze producten is speciaal gemaakt voor milieubewuste consumenten die natuurlijke zorg en comfort willen zonder dat dit afbreuk doet aan de bescherming. Ons gebruik van chloorvrij pluis, snel afbreekbare materialen en biologisch afbreekbare tamponapplicators, zijn voorbeelden die bijdragen aan onze groei in deze niche.

HEALTHCARE

"Het is onze taak om consumenten en belanghebbenden op het gebied van incontinentiezorg gemoedsrust te geven... Mensen die last hebben van incontinentie, helpen een waardig en comfortabel leven te kunnen leiden. Bij het actieve beheer van onze klanten- en productportfolio in 2018, stond deze gedachte centraal."

XAVIER LAMBRECHT GENERAL MANAGER, HEALTHCARE

  1. Vanaf 2017 werd IFRS 15 toegepast.

DE MEESTE INCONTINENTIEPRODUCTEN VAN HET MERK ONTEX LEVEREN WE AAN ZORGINSTELLINGEN, MAAR ONS DIRECT-TO-CONSUMER-MODEL VIA THUISLEVERING EN ONLINE IS GROEIENDE. ONZE COMMERCIËLE AANPAK VARIEERT AFHANKELIJK VAN DE LOKALE MARKTOMSTANDIGHEDEN.

PRESTATIES

Hoewel de groei per kwartaal fluctueerde omdat contracten binnengehaald of opgezegd werden, waren de inkomsten van de Divisie Healthcare over het algemeen volgens verwachting met 0,5% groei op gerapporteerde basis, vooruitlopend op de markt en ondersteund door nieuwe opdrachten en hogere volumes bij enkele bestaande klanten. Dit heeft bijgedragen aan de compensatie van het verlies van een aantal contracten. Op vergelijkbare basis is de omzet met 0,8% gestegen.

De verkoop van broekjes voor volwassenen en producten voor lichte incontinentie is gestegen omdat we consequent innovatieve producten hebben gelanceerd die beantwoorden aan de behoeften van de consument. Dit heeft geholpen om de lichte daling van de volumes in andere productdomeinen te compenseren. We hebben met succes nieuwe broekjes voor vrouwen gelanceerd, met het accent op vrouwelijkheid en bescherming (zie pagina 31). We hebben ook nieuw verband voor vrouwen geïntroduceerd dat dunner is dan het grootste merk,

maar toch tien keer zijn eigen gewicht absorbeert. Het is uniek omdat het veiligheid, comfort, discretie en vrouwelijkheid verenigt in één product (zie pagina 31).

We hebben ook goede voortgang geboekt op het gebied van 'self-pay'-kanalen waar broekjes voor volwassenen en producten voor lichte incontinentie domineren.

De prijzen bleven onder druk staan, vooral in de zeer competitieve institutionele kanalen, door de activiteiten van concurrenten en kleinere budgetten. Dit is een constante geworden waaraan we zo veel mogelijk tegemoetkomen door efficiëntie, in gesprek te blijven met onze klanten over productspecificaties en innovatieve routes naar de markt.

Ons streven om particuliere verpleeghuisgroepen te penetreren heeft meer succes gehad, we blijven dit model verder ontwikkelen. Onze waardepropositie combineert producten en diensten, bijvoorbeeld managementsystemen voor patiëntopvolging, online trainingen voor zorgverleners en geaccrediteerde online trainingen voor verpleegkundigen (zie ook het verhaal over Odobin op pagina 31).

KERNMARKTEN

MARKTWAARDE

UITBREIDING VAN 'SELF-PAY'-KANALEN

In 2018 zijn we ons blijven richten op 'self-pay' om te zorgen dat onze meest verkochte producten op de markt gemakkelijk beschikbaar zijn voor eindgebruikers, of die nu gebruikmaken van digitale business-to-consumer-platforms of conventionele kanalen. In apotheken in Italië zijn we met ons leidende merk Serenity behoorlijk gegroeid. In het Verenigd Koninkrijk hebben we via ongeveer 200 apotheken in supermarkten met succes het merk iD gelanceerd.

ONS INCONTINENTIEMERK iD IS NU VERKRIJGBAAR BIJ APOTHEKEN IN

STRATEGIE

We bedienen voornamelijk twee klantencategorieën: instellingen en klanten die zelf betalen. Bij instellingen is ons doel om kostenefficiënte, innovatieve producten en end-to-end oplossingen op de markt te brengen (inclusief ondersteuning voor gezinnen en professionals) zonder in te boeten op de kwaliteit van het product, de waardigheid van de patiënt en comfort. Minder financiering en lagere vergoedingen hebben kansen gecreëerd in het 'self-pay'-kanaal, waar onze strategie het versterken is van onze erkende positie bij Europese instellingen, om het marktaandeel te vergroten en onvervulde behoeften van consument te vervullen met innovatieve producten en diensten, onder andere via digitale kanalen.

ACHTERGROND VAN DE MARKT

Geschat wordt dat gemiddeld 5-9% van de bevolking last heeft van incontinentie. In bepaalde leeftijdsgroepen is de incidentie groter dan 20% en ongeveer 75% van de vrouwen heeft op een bepaald moment in het leven last van incontinentie. De taboes over incontinentie worden afgebroken. Een betere levensstandaard betekent dat mensen langer thuis blijven wonen en pas in de institutionele zorg terechtkomen wanneer hun toestand ernstig is verslechterd. Door de druk op instellingen en vergoedingsregelingen gaan mensen naar andere kooppunten en er zijn steeds meer mogelijkheden voor persoonlijke keuze op maat. Dit wordt ondersteund door de digitale revolutie die tussenpersonen overbodig maakt. Van spelers in deze markt wordt in toenemende mate verwacht dat zij ervaring en diensten met toegevoegde waarde leveren en niet alleen producten.

VOORUITZICHTEN

De markt is in waarde gedaald, maar we blijven marktaandeel winnen. Terwijl we zorgen dat we ons blijven richten op producten voor mensen die maar een beetje last hebben tot en met personen met ernstige incontinentieproblemen, zien we verdere mogelijkheden in de verkoop van opleidingen voor verpleegkundigen en verzorgers, om onze reputatie te versterken als bedrijf dat het juiste product heeft voor de betreffende persoon, en zelfs te verzekeren dat mensen die ons product niet nodig hebben, dat niet onnodig krijgen.

GROWTH MARKETS

DIVISIES

"De Divisie Growth Markets heeft haar naam in 2018 opnieuw waargemaakt. Grotere volumes en een positieve prijsmix hadden tot gevolg dat de groei substantieel hoger was dan de onderliggende markt. Dit succesvolle transformatieverhaal dat in 2014 van start ging, is het resultaat van duidelijke strategische keuzes, fantastische mensen en heel hard werken."

THIERRY VIALE GENERAL MANAGER, GROWTH MARKETS

OMZET1 €197,6MLN

VIA ONZE DIVISIE GROWTH MARKETS LEVEREN WE RETAILER- EN ONTEX-MERKEN AAN OPKOMENDE MARKTEN. BABYVERZORGING NEEMT HET LEEUWENDEEL VAN ONZE OMZET VOOR REKENING, EN IN VERZORGINGSPRODUCTEN VOOR VROUWEN EN VOLWASSENEN GROEIEN WE.

PRESTATIES

De Divisie Growth Markets heeft in 2018 opnieuw een sterke prestatie neergezet in de 'VUCA'-omgeving van de opkomende markten. De inputkosten bleven hoog en schommelingen in de wisselkoersen waren sterk. We hebben ook te maken gehad met agressieve inzet van prijzen, promoties van grote leveranciers in babyverzorging en steeds meer concurrentie van lokale producenten.

De omzet op vergelijkbare basis steeg met 9,5% in de meeste regio's en categorieën. De gerapporteerde omzetgroei was 2,7%.

Recente investeringen in lokale productiefaciliteiten om te voldoen aan de marktvraag in de snelgroeiende categorie babybroekjes (nu het grootste in de categorie babyverzorging in Rusland), hebben goed gerendeerd. Deze focus op lokalisatie - die ook tot uiting

komt in onze fabriek in Ethiopië - heeft onze toeleveringsketen gestroomlijnd en onze flexibiliteit vergroot. Samen met de ervaring van Ontex op het gebied van retailermerken en de onderscheidende kwaliteiten van onze agile organisatie, was dit de sleutel tot outperformance op de markt.

Door de introductie van ons iD-gamma met incontinentieproducten, zagen we goede groei in verzorgingsproducten voor volwassenen. In dameshygiëne hebben we het NAT-assortiment geïntroduceerd op het belangrijkste e-commerce-platform in China (zie pagina 30), en biologische tampons om tegemoet te komen aan de trend onder Chinese consumenten voor biologische producten uit West-Europa.

  1. Vanaf 2017 werd IFRS 15 toegepast.

MARKTWAARDE KERNMARKTEN

STRATEGIE

Om duurzame, winstgevende groei te stimuleren bestaat onze strategie eruit onze ervaring met bedrijfsvoering in West-Europa te combineren met grondige kennis van drijfveren van klanten en retailermerken en deze toe te passen op nieuwe markten. De keuzes zijn heel duidelijk, eenvoudig te communiceren en in te zetten. We blijven zeer toegespitst op de uitmuntende uitvoering daarvan.

MARKT

De markten zijn vlak of dalen in waarde in onze belangrijkste regio's door een combinatie van lagere geboortecijfers, de agressieve houding van grote internationale merken omdat die voet aan de grond willen krijgen in deze markten, en de sterke concurrentie van lokale merken en andere fabrikanten van retailermerken.

VOORUITZICHTEN

We hebben geïnvesteerd in capaciteit en zullen die capaciteit nu maximaliseren. We zullen markten blijven screenen, met name in Afrika ten zuiden van de Sahara en de rest van de wereld, en die voorbereiden op toekomstige groei. Testen door onze consumentenpanels zijn hierbij van groot belang. Bij luiers zijn bepaalde behoeften zoals absorptie en prestaties wat betreft droogheid universeel, maar andere, zoals de dikte van de luier, kunnen verschillen. Door onze voortdurende focus om de behoeften van de consument te begrijpen, kunnen we hierop inspelen. Door het succesvol managen van de afweging tussen wat klanten willen en de operationele complexiteit van onze fabrieken, is ons merk Canbebe in Ethiopië gegroeid en kennen onze biologische producten in China een snelle ontwikkeling.

ETHIOPISCHE WEESHUIZEN PROFITEREN VAN LIEFDADIGHEIDSCAMPAGNE

SAMEN STREVEN NAAR EEN BETERE TOEKOMST

We willen alle baby's de kans geven om goed op te groeien. In 2018 hebben we in samenwerking met het Ministerie van Vrouwen- en Kinderzaken en het Addis Abeba City Government Women & Children Affairs Bureau, 1800 pakken luiers en babyvoeding gedoneerd ter waarde van € 37.000 (1,2 miljoen Ethiopische Birr) aan vier Ethiopische weeshuizen. Ontex had eerder toegezegd luiers te zullen doneren aan een aantal geselecteerde tehuizen voor baby's voor elk jumbopack dat tussen half juli en half september werd verkocht. Het initiatief werd ondersteund door een sterke reclamecampagne voor Canbebe met Meseret Defar, de Ethiopische wereldkampioen atletiek en merkambassadeur van Canbebe. Deze campagne werd ook aangemoedigd door de nieuwe minister-president van Ethiopië en zijn ministeriële ambtenaren in hun streven naar een betere toekomst voor het land. De donaties kregen veel aandacht van de pers en de sociale media ter inspiratie voor anderen om Ontex na te volgen.

MIDDLE EAST NORTH AFRICA

"Onze activiteiten in MENA zijn vooral gericht op de lokale sterke merken. Onze voortdurende focus op innovatie, klanten en consumenten heeft bijgedragen aan de opbouw van onze categorieën in de regio. Deze ervaringen zullen ons goed van pas komen als we de komende jaren verder willen uitbreiden."

ÖZGÜR AKYILDIZ GENERAL MANAGER, MENA

OMZET1 €160,8MLN

2014 2015 2016 2017 2018

  1. Vanaf 2017 werd IFRS 15 toegepast.

ONZE DIVISIE MIDDLE EAST NORTH AFRICA (MENA) PRODUCEERT EN VERKOOPT MERKPRODUCTEN. DE BELANGRIJKSTE MARKTEN ZIJN TURKIJE, ALGERIJE EN PAKISTAN, WAAR WE PRODUCTIEFACILITEITEN HEBBEN, MAAR DOOR EXPORT BEDIENEN WE OOK ANDERE LANDEN IN DE MENA-REGIO.

PRESTATIES

In 2018 schommelde de groei in de MENA-regio per kwartaal. Door de aanhoudende sterke concurrentie in Turkije, onze belangrijkste regio, de stijging van de grondstofkosten in alle categorieën en veel zwakkere valuta's (de Turkse lira is de helft minder waard geworden), bedroeg de gerapporteerde omzet 12,8% minder, terwijl die op vergelijkbare basis 2,6% is gegroeid. Het resultaat weerspiegelt het harde werk en de veerkracht van onze mensen in de Divisie en hun duurzame vaardigheden om te voldoen aan de behoeften van klanten en consumenten.

We zijn blijven investeren in onze fabrieken door oudere productielijnen te vervangen door fonkelnieuwe. Door de beste productkwaliteit en innovatie aan te bieden, kunnen we de verwachte groei in onze markten in de komende jaren aan.

In babyverzorging steeg de omzet door hogere volumes en een positieve prijsmix, ondersteund door verdere innovatie van onze ultradunne Canbebe babyluiers door Flexfit-technologie, een toename van de winkelactiviteiten en onze voortdurende digitale betrokkenheid bij consumenten. Ook in Algerije hebben we een nieuwe luier gelanceerd. In beide gevallen hebben we gebruikgemaakt van de sterke innovatiecapaciteit van de Groep, in combinatie met lokale marketing en R&D.

Bij verzorgingsproducten voor volwassenen hebben we met ons merk Canped, dat leidend is in Turkije, de bekendheid onder zorgprofessionals, zorgverleners en patiënten verder vergroot. Tegen de zwakke lokale valuta hebben we enkele prijsmaatregelen getroffen, en ondanks dat het jaar traag op gang kwam, zagen we bemoedigende groei in andere markten en in wat we exportverkopen noemen.

STRATEGIE

Politieke en economische risico's in de MENA-regio hebben groei belemmerd. Er zijn veel onbenutte mogelijkheden en we blijven ernaar streven deze te ontsluiten door de productpenetratie te vergroten, nieuwe landen onder de loep te nemen en tegelijkertijd te streven naar winstgevende groei. MENA heeft veel potentieel. We zullen proberen de risico's te beperken en de jarenlange sterke vooruitgang die we hebben geboekt, te herhalen door onze merkbekendheid te vergroten en meer te investeren in moderne marketingtechnieken en -kanalen.

OVERZICHT MARKTEN

Politieke en economische kwesties in de regio zijn duidelijk van invloed geweest op het consumentengedrag en de marktdynamiek. In Turkije is de markt van babyluiers (inclusief broekjes) met 9% gekrompen, maar in Turkse lira's met 10% gegroeid. De devaluatie had een negatief effect op de consumptie, omdat consumenten druk ervoeren. In de detailhandel en apotheken is de incontinentiemarkt blijven groeien, zowel door het nieuwe vergoedingssysteem als door competitief geprijsde producten. De markt in Pakistan is behoorlijk blijven groeien, vooral dankzij laaggeprijsde merken op het tweede marktniveau. Op onze andere markten, waar de waarde van de markt in euro's daalde, was er een volumestijging dankzij verdere productpenetratie.

MARKTWAARDE KERNMARKTEN

BABY-

VOORUITZICHTEN

De druk op de valuta's lijkt minder te worden en het politieke klimaat lijkt zich te stabiliseren. Hierdoor zou de markt meer in evenwicht moeten komen wat ons blijvend vertrouwen geeft in de MENA-regio. We zullen de sterke innovatiecapaciteit van de Groep benutten, ondersteund door lokale R&D en marketing. Op het gebied van digitale capaciteiten hebben we ons team versterkt en de resultaten daarvan zijn al te zien aan de digitale KPI's van Canbebe, die beter zijn dan de industriestandaard en die van concurrenten. We zijn goed voorbereid om van elke opleving te kunnen profiteren.

MIS HET LEVEN NIET

In Turkije heeft één op de vier vrouwen ouder dan 40 jaar last van incontinentie. Door de introductie van ons nieuwe product voor lichte incontinentie, een uitbreiding van onze Canped-incontinentieverbanden, is het marktaandeel van Canped (in waarde) gestegen naar meer dan 80%. De goed uitgevoerde marketingcampagne heeft zorgprofessionals en consumenten bewuster gemaakt en heeft twee van de meest prestigieuze communicatieprijzen in Turkije gewonnen.

CANPED, ONS LEIDEND MERK VOOR VERZORGINGSPRODUCTEN VOOR VOLWASSENEN IN TURKIJE, LANCEERDE EEN SUCCESVOLLE MARKETINGCAMPAGNE MET ALS DOEL JONGERE VROUWEN TUSSEN 35 EN 45 JAAR BEWUST TE MAKEN VAN DE NIEUWE OPLOSSING VOOR LICHTE INCONTINENTIE

ONZE NIEUWE ORGANISATIE DRIE COMMERCIËLE DIVISIES EN EEN OPERATIONS UNIT

Na zorgvuldige reflectie over hoe ver we zijn gekomen bij de hervorming van onze geografische portefeuille en het evenwicht tussen retailermerken en eigen merken, hebben we, effectief vanaf januari 2019, onze organisatie vernieuwd om verder te bouwen op onze sterke punten en uitvoering te verbeteren. Onze commerciële activiteiten zijn nu georganiseerd in drie Divisies: Europa, voornamelijk gericht op retailermerken; Amerika, Midden-Oosten Afrika en Azië (AMEAA), voornamelijk gericht op lokale merken; en Healthcare, die zich blijft richten op de institutionele markten en specifieke incontinentie merken.

Daarnaast zijn Group Manufacturing en Supply Chain verenigd in een nieuw opgerichte Operations unit, met een focus op productie-efficiëntie en uitmuntende klantenservice.

2018 OMZET
2019 DIVISIESTRUCTUUR
€ MLN PERCENTAGE
VAN DE GROEP
Europa 1.020,7 45%
Amerika, Midden-Oosten,
Afrika en Azië
835,8 36%
Healthcare 435,6 19%
Ontex Groep 2.292,2 100%

DIVISIE EUROPA

De Divisie Europa is voornamelijk gericht op retailermerken. Het bestaat uit drie geografische gebieden:

  • Regio Noorden: VK/Ierland, Australië/ Nieuw-Zeeland, België/Nederland/ Scandinavië. Contract Manufacturing valt ook onder deze regio.
  • Regio Zuiden: Frankrijk en Iberia, Italië & Griekenland.
  • Regio Oosten: Rusland & GOS, DACH, Polen en Centraal- en Oost-Europa.

OMZET

€1.020,7MLN

"Wanneer klanten hulp nodig hebben bij het ontwerpen, produceren en op de markt brengen van hun eigen merk van producten voor persoonlijke hygiëne, wenden zij zich tot Ontex Europe, omdat ze ons innovatievermogen, reactiviteit, superieur niveau van dienstverlening en toewijding erkennen en waarderen."

THIERRY VIALE PRESIDENT EUROPA

DIVISIE AMERIKA, MIDDEN-OOSTEN, AFRIKA EN AZIË (AMEAA)

De Divisie AMEAA is voornamelijk gericht op lokale merken. De sales- en marketingactiviteiten zijn opgedeeld in vier geografische regio's:

  • Noord-Amerika
  • Mexico en Centraal-Amerika
  • Zuid-America
  • MEAA (Midden-Oosten, Afrika en Azië)

OMZET €835,8MLN

"Ontex AMEAA biedt producten en oplossingen voor persoonlijke hygiëne die het voor gezinnen gemakkelijker maken om de vele veranderingen in het leven te omarmen. We doen dit door een gelukkige en optimistische werkomgeving aan te moedigen die ons succesvol maakt door slimme keuzes uit te werken voor onze consumenten en klanten."

ARMANDO AMSELEM PRESIDENT AMEAA

OMZET €435,6MLN

"We vergeten nooit dat ons bedrijf bijdraagt tot de kwaliteit van leven en waardigheid van de eindgebruikers van onze producten en diensten, door hen innovatieve producten en slimme oplossingen aan te bieden tegen betaalbare prijzen."

DIVISIE HEALTHCARE

De Divisie Healthcare blijft zich richten op de institutionele markten en specifieke incontinentiemerken. Marketing wordt georganiseerd op het niveau van de Divisie,

met specifieke ondersteuning op regionaal vlak.

De salesactiviteiten worden opgesplitst in twee geografische gebieden.

  • Regio Noorden: Frankrijk & Belux, Duitsland, VK & Ierland en distributeurs
  • Regio Zuiden: Italië en Iberia.

XAVIER LAMBRECHT PRESIDENT HEALTHCARE

OMGAAN MET DE UITDAGINGEN

"De aanhoudende inspanningen en de vindingrijke flexibiliteit van de financiële functie het afgelopen jaar, ondersteund door verdere investeringen in faciliterende technieken, waren niet alleen van cruciaal belang voor het veiligstellen van prijskansen waar dat kon, maar ook een ondersteuning van het bedrijf in zijn geheel."

CHARLES DESMARTIS CFO

FINANCIËLE HOOGTEPUNTEN

OMZET (€/MLD) 2,29 +1,7% (LFL GROEI %)

BRUTOMARGE (€/MLN) 625,7 -5,3% (VERGELEKEN MET 2017)

RECURRENTE EBITDA (€/MLN) 234,0 -12,2% (VERGELEKEN MET 2017)

RECURRENTE NETTOWINST (€/MLN) 109,7 -16,5% (VERGELEKEN MET 2017)

2018 WAS EEN JAAR VAN VEEL UITDAGINGEN. WE ZIJN GECONFRONTEERD MET STERK GESTEGEN INPUTKOSTEN, WAARONDER EEN ONGEKENDE STIJGING VAN DE GRONDSTOFINDEXEN DIE DE VERWACHTINGEN VAN DE SECTOR OVERTROFFEN. ER WAS CONTINU TEGENWIND DOOR NEGATIEVE VALUTASCHOMMELINGEN. DE MARKTOMSTANDIGHEDEN WERDEN OVER HET ALGEMEEN OP DE PROEF GESTELD DOOR LAGERE GROEI EN PRIJSDRUK IN DIVERSE REGIO'S WAAR WE ACTIEF ZIJN.

De aanhoudende inspanningen en de vindingrijke flexibiliteit van de financiële functie het afgelopen jaar, ondersteund door verdere investeringen in faciliterende technieken, waren niet alleen van cruciaal belang voor het veiligstellen van prijskansen waar dat kon, maar ook een ondersteuning van het bedrijf in zijn geheel.

GROEPSOMZET

We hebben een solide like-for-like omzetgroei behaald, een stijging van 1,7% vergeleken met de min of meer vlakke marktgroei, en een positieve prijsmix in alle Divisies en de drie productcategorieën, met goede groei in verzorgingsproducten voor volwassenen en babybroekjes (zie betreffende Divisie voor omzetcijfers en pagina 39 voor een omschrijving van productcategorieën). Dit heeft de verwachte volumedaling ruimschoots gecompenseerd. We zullen de ontwikkeling van onze prestaties op het gebied van volume en waarde blijven volgen en onze activiteiten waar nodig bijsturen.

De omzet in Brazilië is elk kwartaal verbeterd (exclusief valutaverschillen), omdat innovatieve producten beschikbaar kwamen en we gestart zijn met het terugwinnen van schapruimte bij onze klanten.

Verkoopresultaten van de Groep zijn gedaald met -1,8%, inclusief een negatief wisselkoerseffect van ongeveer €102 miljoen.

BRUTOMARGE

De brutomarge kwam uit op €625,7 miljoen. Als percentage van de omzet was dit 27,3%,

99 basispunten lager dan 2017. Dit was hoofdzakelijk toe te schrijven aan de lagere brutomarge in Brazilië. In het licht van de marktomstandigheden toonde de rest van de Ontex-activiteiten zich veerkrachtig. De genoemde impact van de prijsmix en aanzienlijke besparingen door het delen van best practices in combinatie met non-stop inspanningen om het gebruik van grondstoffen te verminderen zonder de prestaties te beïnvloeden, hebben de negatieve gevolgen van de hogere grondstofkosten en negatieve valutaverschillen grotendeels gecompenseerd.

RECURRENTE EBITDA

De recurrente EBITDA van de Groep bedraagt €234,0 miljoen, wat resulteert in marges van 10,2%. Dit werd ondersteund door acties op het gebied van prijsstelling, belangrijke bijdragen uit besparingen en efficiëntieverbeteringen, en voortdurende investeringen in verkoop, marketing en R&D ter ondersteuning van de omzet. Hoewel de distributiekosten nog steeds relatief hoog waren, deels vanwege de stijgende energiekosten, is de voortgang die eind van het jaar is geboekt bemoedigend.

Hoewel onze activiteiten in Brazilië nog steeds verwaterd zijn, hebben we in het afgelopen jaar een opeenvolgende verbetering van de recurrente EBITDA gezien.

VREEMDE VALUTA

Naarmate we groeien, neemt ook onze blootstelling aan vreemde valuta toe. In 2018 stonden de meeste valuta zwakker ten opzichte van de euro, wat van invloed was

op de omzet van de Groep en de recurrente EBITDA. Wat betreft de groepsomzet was het effect daarvan €102 miljoen, grotendeels veroorzaakt door de belangrijkste valuta van de Divisies Americas Retail, MENA en Growth Markets. De impact op de recurrente EBITDA was €26,8 miljoen, maar we hebben geprofiteerd van de Amerikaanse dollar (USD) bij de inkoop van grondstoffen in USD.

NETTO FINANCIERINGSKOSTEN

Na de volledige herfinanciering van onze schuld in december 2017, hebben we een belangrijk voordeel geboekt. De netto financieringskosten bedroegen €28,6 miljoen, een daling van €15,2 miljoen ten opzichte van 2017.

KOSTEN VOOR WINSTBELASTINGEN

De kosten voor winstbelastingen zijn in 2018 in absolute zin afgenomen tot €27,2 miljoen. Het effectieve belastingtarief was 21,8%, wat binnen de verwachting van het bedrijf ligt van een effectief belastingtarief van 24% of minder.

WERKKAPITAAL

Het werkkapitaal zakte onder de 12%, in lijn met onze doelstellingen. We hebben een aantal nieuwe maatregelen getroffen op het gebied van handelsschulden om ons werkkapitaal duurzaam te verbeteren. Dit omvat onder andere zorgen voor meer consistentie in de betalingsvoorwaarden binnen de Groep.

INVESTERINGSUITGAVEN

De investeringen in materiële vaste activa bedroegen in 2018 €103,8 miljoen, ongeveer 5% van de omzet net als in 2017. Dit omvatte beslissingen om meer in productie te investeren om de sterke groei in verzorgingsproducten voor volwassenen en babybroekjes te kunnen opvangen. We hebben ook succesvol gebruikgemaakt van onze eigen interne luierproductietechnologie om nieuwe lijnen in Brazilië te plaatsen. De versnelling van onze capaciteit in babybroekjes en broekjes voor volwassenen en de investeringen in Brazilië, waren strategische keuzes om verdere groei te ondersteunen.

RECURRENTE VRIJE KASSTROOM (NA BELASTINGEN)

De recurrente vrije kasstroom (na belastingen) bedroeg in 2018 €80,0 miljoen, een stijging van 12,8% vergeleken met het vorige jaar. Deze stijging is voornamelijk het gevolg van een lager werkkapitaal alsook een daling in de investeringsuitgaven en betaalde belastingen vergeleken met 2017.

NETTOSCHULD

De nettoschuld is de afgelopen twee jaar redelijk stabiel gebleven, maar de daling van de recurrente EBITDA heeft de hefboomratio (leverage) beïnvloed. De nettoschuld aan het eind van het jaar bedroeg €760,0 miljoen en de nettohefboom op basis van de recurrente EBITDA van de voorbije 12 maanden was 3,25x, binnen de door ons aangegeven hefboomratio.

DIVIDENDEN

De Raad van Bestuur heeft een bruto-dividend voorgesteld van €0,41 per aandeel, in overeenstemming met het Ontex dividendbeleid om 35% van de nettowinst uit te betalen.

OMZETGROEI1

BRUTOMARGE (€/MLN)

2016 2017 2018

  1. Vanaf 2017 werd IFRS 15 toegepast.

OMZET PER DIVISIE (€/MLN)

(€/MLN TENZIJ ANDERS VERMELD) 2018 2017 VERANDERING (%)
Omzet 2.292,2 2.235,0 -1.8
Brutomarge 625,7 660.6 -5.3
Recurrente EBITDA 234,0 266,4 -12.2
Recurrente nettowinst 109,7 131,4 -16.5
Recurrente vrije cashflow 80,0 71,0 +12.8
Nettoschuld 760,0 744,2 +2.1
Leverage 3,25x 2,79x n/a

OVER DIT VERSLAG

ELK JAAR PUBLICEERT ONTEX EEN JAARVERSLAG OVER DE BELANGRIJKSTE ECONOMISCHE, ECOLOGISCHE EN SOCIALE KWESTIES VOOR ONS EN ONZE STAKEHOLDERS.

Dit verslag bevat financiële en niet-financiële informatie over de periode van 1 januari 2018 tot en met 31 december 2018, tenzij anders vermeld. Het vorige geïntegreerde jaarverslag werd gepubliceerd op 5 april 2018.

Het omvat onze activiteiten in 22 landen en onze hoofdzetel in Aalst, België, waar samen ongeveer 10.750 mensen in dienst zijn.

De scope veranderde ingrijpend over het voorbije verslagjaar, met de opstart van een nieuwe fabriek in Polen en de samenvoeging van de twee fabrieken in Brazilië tot één.

De duurzaamheidsindicatoren omvatten voor het eerst ook deze fabriek in Brazilië, maar niet de nieuwe fabriek in Polen, tenzij anders vermeld in het verslag. Scope 1 en 2 van de koolstofemissies zijn gebaseerd op de Greenhouse Gas Protocol definitie. Merk op dat het vervoer van goederen via eigen vrachtwagens momenteel niet is opgenomen in de koolstofrapportage.

Het verslag werd voorbereid in overeenstemming met de Global Reporting Initiative (GRI) Standards (hoofdoptie) met verwijzing naar de Sustainable Development Goals (SDG's).

GRI is de internationale standaard voor duurzaamheidsrapportage. De SDG's stellen de mondiale prioriteiten en ambities voor duurzame ontwikkeling voor 2030 vast en streven ernaar wereldwijde inspanningen te mobiliseren rond een gemeenschappelijke reeks doelstellingen en streefcijfers.

Het managementteam van Ontex heeft dit rapport gevalideerd. Bovendien werd er een externe verificatie uitgevoerd voor bepaalde indicatoren.

DE IN 2015 GELANCEERDE SUSTAINABLE DEVELOPMENT GOALS (SDG'S) BESCHRIJVEN VEEL VAN DE MONDIALE DUURZAAMHEIDSUITDAGINGEN EN OPROEPEN TOT ACTIE OM DEZE UITDAGINGEN HET HOOFD TE BIEDEN. ALLE DOELSTELLINGEN STAAN MET ELKAAR IN VERBAND. WE GEBRUIKEN DEZE ALS KOMPAS OM VERANDERING IN ONZE MANIER VAN WERKEN IN GANG TE ZETTEN. WE BESEFFEN DAT ALLE SDG'S BELANGRIJK ZIJN, MAAR ZIJN VAN MENING DAT WE ONZE BELANGRIJKSTE BIJDRAGE KUNNEN LEVEREN DOOR ONS TE RICHTEN OP DE SDG'S IN DE ONDERSTAANDE TABEL.

PRIORITAIRE SDG'S VOOR ONTEX

SDG WAT DIT VOOR ONTEX BETEKENT
Goede gezondheid
& welzijn
• Toegang tot basisverzorgingsproducten mogelijk maken om het dagelijks
leven van onze consumenten te verbeteren.
• Een veilige en gezonde werkplek voor werknemers creëren.
Degelijk werk &
economische groei
• Op de juiste manier zakendoen, altijd met inachtneming van de wet,
maar ook van strenge ethische normen op onze locaties en in onze
toeleveringsketen.
Verantwoorde productie & • Materiaalgebruik optimaliseren via eco-innovaties.
consumptie • Onze consumenten beter informeren door producten aan te bieden met
eco- of gezondheidslabels.
• Het elimineren van productieafval en het optimaliseren van methoden
voor afvalverwerking.
Klimaatactie • Het transformeren van onze activiteiten om klimaatneutraal te zijn tegen
2030.
Leven op land • Uitsluitend gebruik van gecertificeerde of gecontroleerde pluis en
biologisch katoen met volledige traceerbaarheid.
Partnerschappen voor de
doelstellingen
• De lokale gemeenschappen die door ons worden beïnvloed, betrekken
via donaties, vrijwilligerswerk, partnerschappen.

VERKLARING INZAKE DEUGDELIJK BESTUUR

HET HOOFDSTUK BEVAT WIJZIGINGEN VAN ONTEX GROUP NV'S DEUGDELIJK BESTUUR, ALSOOK DE RELEVANTE GEBEURTENISSEN DIE PLAATSVONDEN GEDURENDE 2018, ZOALS WIJZIGINGEN AAN ONTEX GROUP NV'S KAPITAAL OF AANDEELHOUDERSTRUCTUUR, WIJZIGINGEN IN ONTEX GROUP NV'S BESTUUR EN DE SAMENSTELLING VAN DE RAAD VAN BESTUUR VAN ONTEX GROUP NV (HIERNA DE "RAAD") EN ZIJN COMITÉS, DE BELANGRIJKSTE ASPECTEN VAN HET REMUNERATIEVERSLAG, EN SYSTEMEN VOOR INTERNE CONTROLE EN RISICOBEHEER VAN DE ONTEX GROEP. DIT HOOFDSTUK BEVAT OOK, WAAR NODIG, UITLEG OVER AFWIJKINGEN VAN DE CORPORATE GOVERNANCE CODE.

In overeenstemming met het Wetboek van Vennootschappen en de Belgische Corporate Governance Code, versie 2009 (hierna de "Corporate Governance Code"), wordt in dit hoofdstuk informatie weergegeven over ontex group nv's (hierna ook de "Vennootschap") deugdelijk bestuur.

1. REFERENTIECODE

In overeenstemming met artikel 96, § 2 van het Wetboek van vennootschappen en het Koninklijk Besluit van 6 juni 2010 houdende aanduiding van de na te leven Code inzake Deugdelijk Bestuur door genoteerde vennootschappen, heeft Ontex Group NV de Corporate Governance Code als haar referentiecode aangenomen1 .

Zoals past voor een Belgische beursgenoteerde vennootschap die hoge standaarden betreffende deugdelijk bestuur nastreeft, heeft de Raad in juni 2014 een corporate governance charter aangenomen (hierna het "Corporate Governance Charter"), zoals vereist door de Corporate Governance Code. De Raad heeft de Corporate Governance Charter gewijzigd op 28 juni 2016. Het Corporate Governance Charter kan worden geraadpleegd op de website van de Vennootschap2 .

Het Corporate Governance Charter beschrijft de belangrijkste aspecten van Ontex Group NV's bestuur, zoals haar bestuursstructuur en de rol van zowel de Raad als van zijn comités en van het Directiecomité. Het Corporate Governance Charter wordt regelmatig bijgewerkt en zal jaarlijks worden geëvalueerd door de Raad teneinde in overeenstemming te zijn met de toepasselijke wetten en overige regelgeving, de Corporate Governance Code en de interpretatie ervan.

2. KAPITAAL EN AANDEELHOUDERS

2.1. Kapitaal en kapitaalwijzigingen in 2018

Op 31 december 2018 bedroeg het kapitaal van Ontex Group NV € 823.587.466,38, vertegenwoordigd door 82.347.218 aandelen zonder nominale waarde. Elk aandeel vertegenwoordigt 1/82.347.218de van het kapitaal en geeft recht op één stem. De aandelen zijn genoteerd op Euronext Brussel.

Daarnaast keurde de Raad in 2018 een nieuwe toekenning goed onder het Long Term Incentive Plan (zoals hieronder beschreven) (de toekenning in 2018 wordt hierna beschreven als "LTIP 2018"). In 2014 keurde de Vennootschap het Long Term Incentive Plan goed, dat door Raad en de Algemene Vergadering werd goedgekeurd respectievelijk op 3 juni 2014 en 10 juni 2014 (de "Long Term Incentive Plan") , bestaande uit een combinatie van aandelenopties en restricted stock units (hierna "RSUs"). De Raad heeft eerder toekenningen goedgekeurd onder het Long Term Incentive Plan, in 2014, 2015, 2016 en 2017

1 De Belgische Corporate Governance Code, versie 2009, is beschikbaar op de website van de Belgische Commissie Corporate Governance (http://www.corporategovernancecommittee.be).

2 De Nederlandse versie van het Corporate Governance Charter van Ontex Group NV is beschikbaar op de website van Ontex (http://www.ontexglobal.com/sites/default/files/20170509_ontex_corporate_governance_charter_d.pdf)

(respectievelijk de "LTIP 2014" en "LTIP 2015", de Long Term Incentive Plan met inbegrip van het LTIP 2014, het LTIP 2015, het LTIP 2016, het LTIP 2017 en het LTIP 2018 hierna de "LTIP"). De aandelenopties en RSUs, toegekend onder het LTIP verlenen geen aandeelhoudersrechten en de aandelen die zullen worden geleverd aan de deelnemers bij uitoefening van hun aandelenopties of bij verwerving van hun RSUs zijn bestaande aandelen in de Vennootschap met alle rechten en voordelen verbonden aan zulke aandelen. Een meer gedetailleerde beschrijving van de LTIP en de LTIP 2018 wordt uiteengezet in het Remuneratieverslag.

De toekenning die Ontex in het kader van zijn LTIP verstrekt, voorzien in een wachtperiode van drie jaar. Dienovereenkomstig werden de subsidies die in 2015 werden toegekend verworven vanaf 2018. Om aan haar verplichtingen van deze overeenkomst te voldoen heeft Ontex gedeeltelijk een forward-aankoopovereenkomst uitgeoefend met de volgende kenmerken:

Datum Aantal
aandelen
Uitoefenprijs Hoogste Prijs Laagste Prijs
Oorspronkelijk aangegaan op 21 juli 2015 173.218 € 27.070 € 28.685 € 25.800

Daarnaast heeft Ontex de volgende forward-purchase overeenkomsten afgesloten om zijn verplichtingen onder de in het kader van zijn LTIP gedane toekenningsubsidies in 2016, 2017 en 2018 af te dekken. Deze overeenkomsten bestaan uit (i) eenjarige forward-purchase overeenkomsten aangegaan in 2015, 2016 en 2017 die zijn verlengd op 22 juni 2018 om verplichtingen met betrekking tot toekenningen onder het LTIP 2016 en 2017 te dekken en (ii) een nieuwe eenjarige forward-purchase overeenkomst op 22 juni 2018 om verplichtingen te dekken met betrekking tot toekenningen onder het LTIP van 2018.

Op vandaag bestaan de volgende forward-purchase overeenkomsten met betrekking tot de aandelen van Ontex:

Datum Vervaldag Aantal
aandelen
Uitoefenprijs Hoogste Prijs Laagste Prijs
Oorspronkelijk aangegaan
op 21 juli 2015 en
verlengd op 22 juni 2018
21 juni 2019 36.589 € 27.070 € 28.685 € 25.800
Oorspronkelijk aangegaan
op 1 juli 2016 en verlengd
op 22 juni 2018
21 juni 2019 318.545 € 28.965 € 30.515 € 27.145
Oorspronkelijk aangegaan
op 22 juni 2017 en
verlengd op 22 juni 2018
21 juni 2019 332.043 € 32.298 € 33.405 € 31.555
Oorspronkelijk aangegaan
op 22 juni 2018
21 juni 2019 536.409 € 22.471 € 24.240 € 19.200

Meer informatie over de verworven aandelenopties en RSU's is te vinden in het remuneratierapport.

Meer details over de forward purchase overeenkomsten zijn terug te vinden in de jaarrekening, toelichting 7.5.6.

Op grond van het bovenstaande werden op 31 december 2018, 336.288 aandelen van de Vennootschap gehouden door de Vennootschap.

Op 31 december 2018 waren 16.343.051 aandelen van de Vennootschap aandelen op naam.

2.2. Evolutie aandeelhouders

Krachtens de Statuten van de Vennootschap en de Corporate Governance Charter, zijn de toepasselijke opeenvolgende drempels ingevolge de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in emittenten waarvan de aandelen zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt en andere diverse bepalingen (hierna de "Wet van 2 mei 2007") en het Koninklijk Besluit van 14 februari 2008 op de bekendmaking van belangrijke deelnemingen, vastgesteld op 3%, 5%, 7,5%, 10% en elk daaropvolgend veelvoud van 5%.

In de loop van 2018, heeft de Vennootschap de volgende transparantieverklaringen ontvangen:

Op 22 januari 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Aviva Plc, met de vermelding dat het, op 19 januari 2018, de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap naar beneden toe heeft overschreden naar aanleiding van een verkoop van aandelen.

Op 18 februari 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Harris Associates LP, met de vermelding dat het, op 1 februari 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 27 februari 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Black Creek Investment Management Inc., met de vermelding dat het, op 26 februari 2018, de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 5 april 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van SYZ Asset Management (Luxembourg) SA, met de vermelding dat het, op 3 april 2018, de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap naar boven toe heeft overschreden tot 3,28%.

Op 9 april 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Sycomore Asset Management SA, met de vermelding dat het, op 5 april 2018, de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 9 mei 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van UBS Group AG, met de vermelding dat het, op 3 mei 2018, de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden tot 6,20%.

Op 9 mei 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Sycomore Asset Management SA, met de vermelding dat het, op 7 mei 2018, de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 14 mei 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Sycomore Asset Management SA, met de vermelding dat het, op 10 mei 2018, de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden tot 3,02%.

Op 23 mei 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van UBS Group AG, met de vermelding dat het, op 17 mei 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 19 juni 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Sycomore Asset Management SA, met de vermelding dat het, op 12 juni 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 20 juni 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Harris Associates LP, met de vermelding dat het, op 15 juni 2018 de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden tot 5,14%.

Op 29 juni 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van UBS Group AG, met de vermelding dat het, op 25 juni 2018 de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden tot 5,47%.

Op 3 juli 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van UBS Group AG, met de vermelding dat het de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap naar boven toe heeft overschreden.

Op 5 juli 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van UBS Group AG, met de vermelding dat het de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap naar beneden toe heeft overschreden tot 4,97%.

Op 6 juli 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van UBS Group AG, met de vermelding dat het de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap naar boven toe heeft overschreden tot 5,12%.

Op 9 juli 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Black Creek Investment Management Inc., met de vermelding dat het de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 12 juli 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van SYZ Asset Management (Luxembourg) SA, met de vermelding dat het op 9 juli 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 13 juli 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van UBS Group AG, met de vermelding dat het op 9 juli 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 18 juli 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Black Creek Investment Management Inc., met de vermelding dat het op 16 juli 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 19 juli 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Harris Associates LP, met de vermelding dat het op 11 juli 2018 de drempel van 5% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 4 september 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Allianz Global Investors GmbH, met de vermelding dat het op 31 augustus 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Op 22 oktober 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Black Creek Investment Management Inc., met de vermelding dat het, op 19 oktokber 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap naar boven toe heeft overschreden tot 3,03%.

Op 7 december 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Groupe Bruxelles Lambert en haar gelieerde entiteiten, met de vermelding dat het, op 3 december 2018 de drempel van 15% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap naar boven toe heeft overschreden tot 19,98%.

Op 17 december 2018 heeft de Vennootschap een transparantieverklaring ontvangen van Harris Associates LP, met de vermelding dat het op 11 december 2018 de drempel van 3% van het totale aantal stemrechten in de Vennootschap heeft overschreden.

Wij verwijzen naar onze website voor de transparantieverklaringen ontvangen na 31 december 2018.

2.3. Aandeelhoudersstructuur

Gelet op de transparantieverklaringen ontvangen door de Vennootschap, was de aandeelhoudersstructuur van de Vennootschap op 31 december 20183 als volgt:

Aandeelhouders Aandelen %4 Datum
overschrijding
drempel
Groupe Bruxelles Lambert SA 16.454.453 19,98% 3 december 20185
Janus Capital Management LLC 3.424.055 4,75% 10 november 2018
The Pamajugo Irrevocable Trust 2.722.221 3,64% 29 februari 2016
Black Creek Investment Management Inc. 2.493.603 3,03% 18 oktober 2018
AXA Investment Managers SA 2.053.236 3,02% 7 augustus 2014

2.4. Verhandelings- en Communicatiereglement

Op 3 juni 2014, heeft de Raad het Ontex Verhandelings- en Communicatiereglement (hierna het "Verhandelings- en Communicatiereglement") goedgekeurd zoals voorgeschreven door bepaling 3.7 van de Corporate Governance Code. Het Verhandelings- en Communicatiereglement is vervolgens gewijzigd op 2 april 2015 en meest recent op 28 juni 2016. Het Verhandelings- en Communicatiereglement beperkt transacties in financiële instrumenten van Ontex Group NV door leden van de Raad en het van het Directiecomité en door bepaalde senior werknemers van de Ontex Groep gedurende gesloten en sperperiodes. Het Verhandelings- en Communicatiereglement regelt ook de interne goedkeuring van voorgenomen transacties, alsook de bekendmaking van uitgevoerde transacties via een kennisgeving aan de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten, en bekendmaking van voorkennis. De Corporate Legal Counsel is de Compliance Officer ten behoeve van het Verhandelings- en Communicatiereglement.

3. DE RAAD EN DE COMITES VAN DE RAAD

3.1 Samentstelling van de Raad

Krachtens de Corporate Governance Code moet minstens de helft van de bestuurders niet-uitvoerend zijn en moeten minstens drie bestuurders onafhankelijk zijn overeenkomstig de criteria vervat in artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen en de Corporate Governance Code. De samenstelling van de Raad op 31 december 2018 was in overeenstemming met deze aanbevelingen.

Op 31 december 2018 was de Raad samengesteld als volgt:

Naam Mandaat Andere posities per 2018 Mandaat
sinds
Mandaat
vervalt
Revalue BVBA, met
vaste vertegenwoordiger
Luc Missorten
Voorzitter,
Onafhankelijk Bestuurder
Barco NV, GIMV, Recticel NV,
Scandinavian Tobacco Group,
Mateco
2018 2022
Regi Aalstad Onafhankelijk Bestuurder 2017 2021
Inge Boets BVBA, met
vaste vertegenwoordiger
Inge Boets
Onafhankelijk Bestuurder Euroclear Holding SA, Econopolis
Wealth Management NV, QRF
Management NV, La Scoperta
BVBA, VZW Altijd Vrouw, Van
Breda Risk & Benefits
2018 2022
Michael Bredael Niet-uitvoerend Bestuurder Upfield Group BV 2017 2021
Tegacon Suisse GmbH,
met vaste
vertegenwoordiging door
Gunnar Johansson
Onafhankelijk Bestuurder Laeringsverkstedet AS 2018 2022
Uwe Krüger Onafhankelijk Bestuurder Temasek, SUSI Partners, Aggreko
Plc, Swiss Nuclear Commission
2018 2022
Juan Gilberto Marin
Quintero
Niet-uitvoerend Bestuurder 2016 2020

Jonas Deroo werd benoemd als secretaries door de Raad op 8 mei 2015.

3 Updates na 31 december 2018 worden beschreven op onze website (http://www.ontexglobal.com/ShareInformation).

4 Percentage gebaseerd op het aantal uitstaande aandelen in het kapitaal van de Vennootschap op het ogenblik van de verklaring.

5 Per 31 december 2017 bedroeg het werkelijke percentage aandelen dat Groupe Bruxelles Lambert binnen Ontex Group NV had al 19,98%. De verklaring gedateerd op 3 december 2018 is het gevolg van een verandering van eigendom tussen de gelieerde ondernemingen van Groupe Bruxelles Lambert.

De volgende paragrafen bevatten biografische informatie over de huidige leden van de Raad, inclusief informatie over andere door deze leden uitgeoefende bestuursmandaten.

Luc Missorten

Voorzitter, Onafhankelijk Bestuuder

Luc Missorten werd benoemd als Onafhankelijk Bestuurder van Ontex Group NV met ingang van 30 juni 2014. Op 10 april 2015 werd Luc Missorten benoemd als Voorzitter, ter vervanging van Paul Walsh. Revalue BVBA, met Luc Missorten als vaste vertegenwoordiger, werd op 26 mei 2016 benoemd tot Onafhankelijk Bestuurder als vervanging van Luc Missorten die ontslag nam. In het verleden was Luc Missorten Vice

President bij Citibank van 1981 tot 1990 en bekleedde hij de positie van Corporate Finance Director bij Interbrew van 1990 tot 1995. Van 1995 tot 1999 was hij CFO bij Labatt brewing company. Nadien was hij CFO bij Interbrew (nu AB Inbev) van 1999 tot en met 2003 en was hij CFO bij UCB van 2003 tot 2007. Luc Missorten was Chief Executive Officer en bestuurder bij Corelio vanaf 2007. Sinds september 2014 nam hij ontslag als Chief Executive Officer bij Corelio. Hij is momenteel Onafhankelijk Bestuurder van Barco, voorzitter van diens auditcomité en lid van diens remuneratiecomité. Daarnaast is hij een Onafhankelijk Bestuurder van GIMV, waar hij voorzitter is van het auditcomité. Luc Missorten is verder Onafhankelijk Bestuurder bij Recticel, waar hij voorzitter is van het auditcomité en lid is van het remuneratiecomité. Luc Missorten is ook Onafhankelijk Bestuurder bij Scandinavian Tobacco Group en is lid van het auditcomité en van het remuneratiecomité. Hij is ook Onafhankelijk Bestuurder bij Mateco. Luc Missorten heeft een diploma in de rechten aan de Katholieke Universiteit Leuven, een Certificate of Advanced European Studies aan het Europacollege in Brugge en een LL.M aan de University of California, Berkeley behaald.

Regi Aalstad

Onafhankelijk Bestuurder

Regi Aalstad werd benoemd als Onafhankelijk Bestuurder van Ontex Group NV met ingang van 24 mei 2017. Regi Aalstad heeft meer dan 25 jaar ervaring in de internationale sector van fast moving consumer goods. Regi Aalstad bekleedde functies als Regional General Manager en Vice President bij Procter & Gamble in Azië, Europa, het Midden-Oosten en Afrika. Ze ging in 1988 werken voor P&G in Scandinavië en van 1996

tot 2014 bekleedde ze leidinggevende functies in opkomende markten. Ze geeft advies en helpt bij de oprichting van digitale startups vanuit Zwitserland, waar ze woont. Ze heeft ervaring als bestuurslid bij publieke toonaangevende bedrijven in de telecomsector, digitale diensten en de sanitaire sector. Regi Aalstad heeft een Master of Business Administration in International Business aan de Universiteit van Michigan, Verenigde Staten behaald.

Inge Boets

Onafhankelijk Bestuurder

Inge Boets BVBA, met Inge Boets als haar vaste vertegenwoordiger, werd als Onafhankelijk Bestuurder van Ontex Group NV benoemd met ingang van 30 juni 2014. Inge Boets is momenteel ook lid van het Audit- en Risicocomité. Inge Boets was van 1996 tot 2011 een partner bij Ernst & Young waar ze aan het hoofd stond van Global Risk en verschillende andere functies op het gebied van audit- en adviesdiensten bekleedde. Inge

Boets is momenteel tevens een Onafhankelijk Bestuurder bij Euroclear Holding SA, VZW Altijd Vrouw, en zit de raad van bestuur van Econopolis Wealth Management, Triginta en QRF voor. Ten slotte is Inge Boets BVBA, met Inge Boets als haar vaste vertegenwoordiger, Onafhankelijk Bestuurder van Van Breda Risk & Benefits en manager van La Scoperta BVBA. Inge Boets heeft een masterdiploma in de toegepaste economie van de Universiteit van Antwerpen, België, behaald.

Michael Bredael

Niet-Uitvoerend Bestuurder

Michael Bredael werd benoemd als Niet-Uitvoerend Bestuurder van Ontex Group NV met ingang van 24 mei 2017. Michael Bredael is Investment Officer bij Groupe Bruxelles Lambert (GBL) sinds 2016. Hij begon zijn carrière bij Towers Watson als consultant in de Verenigde Staten (Atlanta en New York) in 2003, voor hij in 2007 naar de BNP Paribas Group trok. Michael Bredael bekleedde verschillende functies op het vlak van

Investment Banking bij BNP Paribas, in verschillende kantoren (New York, Parijs, Brussel en Londen) en richtte zich vooral naar grensoverschrijdende M&A-transacties. Van 2014 tot 2016 leidde hij de M&A Execution Group van BNP Paribas London. Michael Bredael is bestuurder van Upfield Group BV als vertegenwoordiger van Groupe Bruxelles Lambert. Upfield Group BV is een particuliere vennootschap die opgericht is in Nederland en actief is in de sector consumptiegoederen (plantaardige voeding). Michael Bredael heeft een masterdiploma in de toegepaste economie van EHSAL (nu KU Leuven) behaald.

Gunnar Johansson

Onafhankelijk Bestuurder

Gunnar Johansson werd als Onafhankelijk Bestuurder van Ontex Group NV benoemd met ingang van 30 juni 2014. Gunnar Johansson werd benoemd als Voorzitter van het Bezoldigings- en Benoemingscomité met ingang van 10 april 2015, ter vervanging van Luc Missorten. Tegacon AS, met Gunnar Johansson als vaste vertegenwoordiger, werd op 26 mei 2016 benoemd tot Onafhankelijk Bestuurder als vervanging van Gunnar

Johansson die ontslag nam. Gunnar Johansson heeft een ruime ervaring in opkomende markten en het b2b-segment binnen de sector van fast moving consumer goods ("FMCG"). Vóór hij Tegacon Suisse GmbH oprichtte, bekleedde hij een aantal functies bij SCA AB, een wereldwijde speler actief in de sectoren van de doekjes, dameshygiëneproducten, babyluiers en incontinentieproducten. Gunnar Johansson werkte bij SCA van 1981 tot 2009, in de laatste jaren als Global President van de Hygiene Category. Hij was ook lid van de raad van bestuur van Orkla Brands, het grootste FMCG-bedrijf in Noorwegen. Momenteel werkt Gunnar Johansson als Senior Executive Advisor in zijn eigen bedrijf, Tegacon Suisse GmbH. Hij is ook nietuitvoerend voorzitter van Laeringsverkstedet, Noorwegen. Hij heeft een MBA van Norges Handelshøyskole in Bergen, Noorwegen behaald.

Uwe Krüger

Onafhankelijk Bestuurder

Prof. Dr. Krüger werd benoemd als Niet-Uitvoerend Bestuurder van Ontex Group NV met ingang van 2 juni 2014. De benoeming van Uwe Krüger als Onafhankelijk Bestuurder werd goedgekeurd door de jaarlijkse algemene aandeelhoudersvergadering van 25 mei 2016. Uwe Krüger is sinds 1 januari 2018 Senior Managing Director and Head Industrials, Business Services, Energy and Resources and Joint Head Portfolio

Management Group van Temasek International in Singapore. Temasek is een gediversifieerde en globale investment company, een wereldspeler gevestigd in Singapore met een portfolio van S\$ 275 miljard.Hij is een fysicus die afstudeerde van de universiteit van Frankfurt, Duitsland, met een doctoraat in complexe systeemtheorie. Hij studeerde tevens aan Columbia University (New York, VSA), de Ecole Normale Supérieure (Parijs, Frankrijk) en Harvard (Boston, VSA). Uwe Krüger spendeerde het grootste deel van zijn carrière met het leiden van ingenieurs- en consultancyorganisaties wereldwijd. Hij begon zijn carrière bij AT Kearney, gevolgd door leiderschapsposities bij Hochtief Group in Centraal- en Oost-Europa en bij Turner International in Dallas, VSA. Meer recent was hij Chief Executive Officer van Zwitsers bedrijf Oerlikon. Hij trad in dienst bij Atkins vanuit Texas Pacific Group en Cleantech Switerland. Hij is momenteel bestuurslid bij Aggreko plc (Glasgow, Verenigd Koninkrijk), SUSI Partners (Zurich, Zwitserland) en de Zwitserse Nucleaire Commissie (Zurich, Zwitserland). Als Honorary Professor of Physics doceert hij aan de universiteit van Frankfurt (Duitsland). In 2016 won hij de ACE European CEO award.

Juan Gilberto Marín Quintero

Niet-Uitvoerend Bestuurder

Juan Gilberto Marin Quintero werd als Niet-Uitvoerend Bestuurder van Ontex Group NV benoemd met ingang van 25 mei 2016. Juan Gilberto Marín Quintero is de oprichter en ex-voorzitter van de Grupo Mabe. Voordien was Juan Gilberto Marin Quintero voorzitter van de National Council of Foreign Trade, Conacex, voormalig lid van de Raad van Bestuur van Citybanamex in Puebla, NAFINSA in Puebla en Tlaxcala, en bestuurder van

Bancomext en Telmex. Daarnaast, was Juan Gilberto Marin Quintero president geweest bij de Latin America Entrepreneur Council, was hij voorzitter van de raad van de Universidad de las Americas. Verder ontwikkelt Juan Gilberto Marin Quintero momenteel ecolische energie, consumer goods, restaurants, textielindustri en vastgoed in Mexico. Hij heeft een diploma in Business Administration van de Universidad Iberoamericana, Mexico City, Mexico, een MBA van de Instituto Panamericano de Alta Direccion, Mexico City en een postgraduaat in International Business van de British Columbia University, Vancouver, Canada behaald en een diploma in Mergers and Acquisitions aan Stanford University.

3.2. Raad: evolutie in samenstelling gedurende 2018

Op 31 december 2018 bestond de Raad van de Vennootschap uit zeven leden. Alle leden zijn Niet-Uitvoerende Bestuurders.

Momenteel zijn vijf leden van de Raad Onafhankelijke Bestuurders in de zin van Artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen: Revalue BVBA (met Luc Missorten als haar vaste vertegenwoordiger), Tegacon Suisse GmbH (met Gunnar Johansson als haar vaste vertegenwoordiger) en Inge Boets BVBA (met Inge Boets als haar vaste vertegenwoordiger), Uwe Krüger, Regi Aalstad en twee Niet-Uitvoerende Bestuurders: Juan Gilberto Marin Quintero en Michael Bredael.

3.3. Verscheidenheid

Met betrekking tot specifiek genderdiversiteit, per 31 december 2018 heeft de Vennootschap twee vrouwelijke bestuursleden, zijnde Inge Boets, als vaste vertegenwoordiger van Inge Boets BVBA en Regi Aalstad. Sinds zijn oprichting evalueert het Bezoldigings- en Benoemingscomité jaarlijks de samenstelling van de Raad en formuleert suggesties naar de Raad, onder andere rekening houdend met de diversiteit naar geslacht, met als doel dat uiterlijk tegen 1 januari 2020 ten minste een derde van de leden van de Raad van het tegengestelde geslacht is als het geslacht van de meerderheid van de Raad, in overeenstemming met artikel 518bis, § 3 van het Wetboek van Vennootschappen (waarin bepaald wordt dat bedrijven waarvan de aandelen voor de eerste keer zijn toegelaten voor het aanbieden voor de onderhandelingen op een gereglementeerde markt aan de quota moeten voldoen vanaf de eerste dag van het zesde boekjaar dat aanvangt na deze toelating). Niettemin voldoet Ontex op heden reeds aan de toepasselijke criteria.

De Vennootschap heeft een diversiteitsbeleid ontwikkeld, meer details zijn te vinden op pagina 19.

3.4. Werking van de Raad

Tijdens 2018 kwam de Raad 18 keer samen. De participatiegraad was als volgt:

Naam Deelnames Participatiegraad
Revalue BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Luc Missorten 18/18 100,0%
Regi Aalstad 18/18 100,0%
Inge Boets BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Inge Boets 18/18 100,0%
Michael Bredael 18/18 100,0%
Tegacon Suisse GmbH, met als vaste vertegenwoordiger Gunnar
Johansson
17/18 94,4%
Uwe Krüger 17/18 94,4%
Juan Gilberto Marin Quintero 18/18 100,0%
Charles Bouaziz6 5/5 100,0%
Cepholli BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Jacques Purnode 5/5 100,0%
Artipa BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Thierry Navarre 5/5 100,0%

De belangrijkste zaken die door de Raad gedurende 2018 werden behandeld bestonden onder andere uit:

  • De financiële en algemene prestatie van de Ontex Groep;
  • De goedkeuring van de halfjaarlijkse en kwartaalresultaten en de bijhorende financiële rapporteringen;
  • Gedetailleerde opvolging van de progessie in de Braziliaanse markt;
  • De beoordeling van het bedrijf en de mogelijkheden om de waardecriteria te katalyseren;
  • De beoordeling van het informeel bod van PAI Partners; en
  • Algemene strategische, financiële en operationele aangelegenheden van de Vennootschap.

Op 28 juni 2016 werd door de Raad een directiecomité (het "Directiecomité") opgericht aan wie zij al haar bestuursbevoegdheden heeft gedelegeerd, met uitzondering van (i) die bevoegdheden uitdrukkelijk door de wet voorbehouden aan de Raad, (ii) aangelegenheden die behoren tot het algemene beleid van de Vennootschap, en (iii) het toezicht op het Directiecomité, waarbij deze bevoegdheden nader beschreven worden in hoofdstuk 3.5 van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

3.5. Commités van de Raad

3.5.1.Audit- en Risicocomité

In overeenstemming met artikel 526bis¸§2 van het Wetboek van Vennootschappen en de Corporate Governance Code zijn alle leden van het Audit- en Risicocomité Niet-Uitvoerende Bestuurders en is minstens één bestuurder Onafhankelijk overeenkomstig de criteria vervat in artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen en de Corporate Governance Code.

Op 31 december 2018, was het Audit- en Risicocomité samengesteld als volgt:

Naam Positie B&B Comité Mandaat
sinds
Mandaat
vervalt
Inge Boets BVBA, met vaste
vertegenwoordiger Inge Boets
Voorzitter van het Comité, Onafhankelijk
Bestuurder
2018 2022
Revalue BVBA, met vaste
vertegenwoordiger Luc Missorten
Lid, Onafhankelijk Bestuurder 2018 2022
Michael Bredael7 Lid, Niet-Uitvoerend Bestuurder 2018 2021

6 Charles Bouaziz, Cepholli BVBA, vertegenwoordigd door Jacques Purnode en Artipa BVBA, vertegenwoordigd door Thierry Navarre hebben geopteerd om niet herkozen te worden als bestuursleden tijdens de Algemene Aandeelhoudersvergadering van 25 mei 2018. Er vonden slechts 5 Vergaderingen van de Raad plaats voor deze datum.

7 Michael Bredael werd benoemd als lid van het Audit- en Risicocomité op 27/06/2018, er vonden slechts 2 vergaderingen plaats van het Auditen Risicocomité na deze datum.

Tijdens 2018 kwam het Audit- en Risicocomité zes keer samen. De participatiegraad was als volgt:

Naam A&R Comité
vergaderingen
bijgewoond
Participatiegraad
A&R Comité
Inge Boets BVBA, met vaste vertegenwoordiger Inge Boets 6/6 100,0%
Tegacon Suisse GmbH, met vaste vertegenwoordiger Gunnar
Johansson
3/3 100,0%
Revalue BVBA, met vaste vertegenwoordiger Luc Missorten 6/6 100,0%
Michael Bredael 3/3 100,0%

Alle leden namen deel aan alle vergaderingen. Marc Gallet, Corporate Finance Director, is benoemd als secretaries vanhet Auditen Risicocomité.

Het Audit- en Risicocomité is belast met de taken zoals beschreven in artikel 526bis, §4 van het Wetboek van vennootschappen. Het Audit- en Risicocomité besliste over de agenda, frequentie en de in de vergadering te behandelen aangelegenheden, en voerde nazicht uit met betrekking tot het externe en interne auditplan, de halfjaarlijkse financiële resultaten, de kwartaalresultaten vervat in de Q1 en Q3 updates en de externe audit ervan, en de belangrijkste risico's en hun rol en verantwoordelijkheid.

Zoals vereist door het Wetboek van Vennootschappen, bevestigt Ontex Group NV dat (i) het Audit- en Risicocomité is samengesteld uit enkel Niet-Uitvoerende Bestuurders en (ii) de leden van het Audit- en Risicocomité beschikken over een collectieve deskundigheid op het gebied van de activiteiten van de Vennootschap (iii)Inge Boets, als vaste vertegenwoordiger van Inge Boets BVBA, Voorzitter van het Audit- en Risicocomité, een Onafhankelijk Bestuurder is en over de nodige expertise en ervaring beschikt op het gebied van boekhouding en audit. Er wordt verwezen naar haar biografie onder hoofdstuk 3.1. van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

Het mandaat van PricewaterhouseCoopers Bedrijfsrevisoren BV CVBA ("PwC") als commissaris van de Vennootschap werd hernieuwd in 2017, op 24 mei 2017.

3.5.2. Bezoldigings- en Benoemingscomité

Krachtens artikel 526quater, §2 van het Wetboek van vennootschappen en de Corporate Governance Code zijn alle leden van het Bezoldigings- en Benoemingscomité Niet-Uitvoerend Bestuurder en is de meerderheid van zijn leden Onafhankelijk overeenkomstig de criteria vervat in artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen en de Corporate Governance Code.

Op 31 december 2018, was het Bezoldigings- en Benoemingscomité samengesteld als volgt:
---------------------------------------------------------------------------------------- --
Naam Positie B&B Comité Mandaat
sinds
Mandaat
vervalt
Tegacon Suisse GmbH, met vaste vertegenwoordiger
Gunnar Johansson
Voorzitter van het Comité,
Onafhankelijk Bestuuder
2018 2022
Revalue BVBA, met vaste vertegenwoordiger Luc
Missorten
Onafhankelijk Bestuuder 2018 2022
Regi Aalstad Onafhankelijk Bestuuder 2018 2022
Michael Bredael Niet-Uitvoerend Bestuurder 2018 2021

Tijdens 2018 kwam het Bezoldigings- en Benoemingscomité vier keer samen. De participatiegraad was als volgt:

Naam B&B Comité vergaderingen
bijgewoond
Participatiegraad B&B
Comité
Tegacon Suisse GmbH, met vaste vertegenwoordiger
Gunnar Johansson
4/4 100,0%
Inge Boets BVBA, met vaste vertegenwoordiger Inge
Boets8
3/4 75,0%
Revalue BVBA, met vaste vertegenwoordiger Luc
Missorten
4/4 100,0%
Regi Aalstad9 1/1 100,0%
Michael Bredael10 1/1 100,0%

Alle leden namen deel aan alle vergaderingen. Astrid De Lathauwer, Group HR Director, is benoemd als secretaris van het Remuneratie- en Benoemingscomité. Charles Bouaziz heeft alle vergaderingen bijgewoond.

8 Inge Boets nam ontslag als lid van het Bezoldigings- en Benoemingscomité op 27/06/2018, er vonden slechts 3 vergaderingen plaats van het Bezoldigings- en Benoemingscomité voor deze datum.

9 Regi Aalstad werd benoemd als lid van het Bezoldigings- en Benoemingscomité op 27/06/2018, slechts 1 vergadering van het Bezoldigings- en Benoemingscomité vond plaats na deze datum.

10 Michael Bredael werd benoemd als lid van het Bezoldigings- en Benoemingscomité op 02/10/2018, slechts 1 vergadering van het Bezoldigings- en Benoemingscomité vond plaats na deze datum.

Het Bezoldigings- en Benoemingscomité is belast met de taken zoals beschreven in Artikel 526quater, §5 van het Wetboek van vennootschappen. Het besliste over de agenda, de frequentie van vergaderingen, de in de vergadering te behandelen aangelegenheden, en voerde nazicht uit met betrekking tot de context en historiek van de samenstelling van de Raad, van de bezoldiging van de managers, en van de arbeidsvoorwaarden. Het Bezoldigings- en Benoemingscomité voerde ook nazicht uit met betrekking tot de prestaties van de Ontex groep ten opzichte van de KPI's ('key performance indicators') en doelstellingen bepaald voor het prestatiejaar 2018.

Zoals vereist door het Wetboek van vennootschappen, bevestigt Ontex Group NV dat (i) het Bezoldigings- en Benoemingscomité samengesteld is uit enkel Niet-Uitvoerende Bestuurder, al haar leden zijnde Onafhankelijke Bestuurders en dat (ii) Luc Missorten, Gunnar Johansson en Inge Boets over de nodige expertise en ervaring beschikken op het gebied van remuneratiebeleid. Er wordt verwezen naar hun biografie onder hoofdstuk 3.1. van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

3.5.3 Directiecomité

Op 28 juni 2016, heeft de Raad beslist om een Directiecomité op te richten in de zin van artikel 524bis van het Wetboek van Vennootschappen, met ingang van 1 juli 2016 die de bevoegdheid heeft om alle handelingen te stellen die nodig of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het doel van de Vennootschap, met uitzondering van die acties die door de wet of krachtens de Statuten van de Vennootschap en de Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur, voorbehouden zijn aan de algemene vergadering of de Raad, met inbegrip van (i) aangelegenheden die behoren tot het algemeen beleid van de Vennootschap, en (ii) het toezicht op het Directiecomité of andere bestuursorganen 11.

Overeenkomstig omvatten de bevoegdheden van het Directiecomité, zonder beperking, het operationele beheer en de organisatie van de Vennootschap, het ontwikkelen of bijwerken op jaarbasis van de algemene strategie en het business plan van de Vennootschap en het indienen ervan bij de Raad ter goedkeuring, toezicht op de uitvoering van de algemene strategie en business plan van de Vennootschap, het ondersteunen van de CEO bij het dagelijks bestuur van de Vennootschap en de uitoefening van zijn/haar verantwoordelijkheden, het voorbereiden van de jaarrekening van de Vennootschap en het presenteren van een nauwkeurige en evenwichtige evaluatie van de financiële situatie van de Vennootschap aan de Raad en het verstrekken aan de Raad van de informatie die zij nodig heeft om haar taken naar behoren te vervullen, het opzetten en onderhouden van beleid met betrekking tot het risicoprofiel van de Vennootschap en systemen voor het identificeren, evalueren, beheren en opvolgen van financiële en andere risico's binnen het vastgestelde kader de door de Raad en het Audit- en Risicocomité.

De omvang en samenstelling van het Directiecomité wordt vastgesteld door de Raad op voorstel van de CEO, die het Directiecomité voorzit. De leden van het Directiecomité worden door de Raad benoemd op basis van een voorstel van de CEO en op aanbeveling van het Bezoldigings- en Benoemingscomité. De leden van het Directiecomité worden benoemd voor onbepaalde tijd en kunnen door de Raad te allen tijde worden ontslagen of zijn niet langer lid van het Directiecomité, indien hun managementovereenkomst met de Vennootschap eindigt.

De CEO leidt en is voorzitter van het Directiecomité en beslist over de verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de leden van het Directiecomité. De CEO is verantwoordelijk voor het dagdagelijkse bestuur van de Vennootschap en de uitvoering van de besluiten van de Raad en de beslissingen van het Directiecomité, tenzij anders beslist door het Directiecomité. Daarnaast oefent hij/zij de speciale en beperkte bevoegdheden uit die hem/haar toegewezen zijn door de Raad of het Directiecomité. De CEO brengt regelmatig verslag uit aan de Raad, met inbegrip van de maatregelen genomen door het Directiecomité.

11 De bijzondere volmachten als de samenstelling en de werking van het Directiecomité zijn nader beschreven in de Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

Op 31 december 2018 was het Directiecomité samengesteld als volgt:

Naam Positie Benoemd tot
Uitvoerend
Management
Team
Benoemd tot
lid
Directiecomité
Charles Bouaziz Voorzitter van het Directiecomité –
Chief Executive Officer
2013 2016
Philippe Agostini Group Chief Procurement en Supply
Chain Officer
2013 2016
Özgür Akyildiz General Manager –
Middle East en North Africa Divisie
2008 2016
Armando Amselem President van de Americas Retail Divisie 2016 2016
Laurent Bonnard Group Sales Director 2013 2016
Astrid De Lathauwer Group HR Director 2014 2016
Annick De Poorter Group R&D and Quality Director 2009 2016
Martin Gärtner Group Manufacturing Director 2009 2016
Marex BVBA, met vaste
vertegenwoordiger Xavier Lambrecht
General Manager –
Healthcare Divisie
2013 2016
Artipa BVBA met vaste
vertegenwoordiger Thierry Navarre
Executive Director –
Chief Operating Officer
2009 2016
Oriane Perreaux Group Marketing Director 2013 2016
Cepholli BVBA met vaste
vertegenwoordiger Jacques Purnode
Executive Director –
Chief Financial Officer
2013 2016
Mauricio Troncoso General Manager –
Mature Market Retail Divisie
2017 1 september
2017
Thierry Viale General Manager – Growth Markets
Divisie en Strategic Development
2013 2016

Tijdens 2018 kwam het Directiecomité maandelijks samen en besprak hierbij algemene zaken, financiële en operationele aangelegenheden en project van de Ontex Groep.

Wijzigingen in de samenstelling van het Directiecomité in 2019

Naar aanleiding van een reorganisatie is het Directiecomité per 01/01/2019 als volgt gestructureerd:

Naam Positie
Charles Bouaziz Voorzitter van het Directiecomité – Chief Executive Officer
Philippe Agostini Executive VP Procurement
Armando Amselem President Americas, Middle East, Africa and Asia
Laurent Bonnard
Executive VP Commercial
Charles Desmartis Executive VP Finance, Legal & IT and Chief Financial Officer
Astrid De Lathauwer Executive VP HR
Annick De Poorter Executive VP R&D en Quality
Marex BVBA, met als vaste
vertegenwoordiger Xavier Lambrecht
President Healthcare
Axel Löbel Executive VP Operations
Artipa BVBA, met als vaste
vertegenwoordiger Thierry Navarre
Chief Transformation Officer
Thierry Viale President Europe

De volgende paragrafen bevatten biografische informatie over de huidige leden van het Directiecomité, inclusief informatie over andere door deze leden aangehouden bestuursmandaten.

Charles Bouaziz

Voorzitter van het Directiecomité en Chief Executive Officer

Charles Bouaziz trad in dienst bij de Ontex groep in januari 2013 en is benoemd als Uitvoerend Bestuurder van Ontex Group NV met ingang van 24 april 2014. Vóór hij bij de Ontex groep in dienst trad, bekleedde Charles Bouaziz verschillende leidinggevende posities in de loop van zijn 25-jarige carrière in de consumentengoederensector. Het begin van zijn carrière bracht hij door bij Michelin (in Canada) en Procter &

Gamble, alvorens hij in 1991 aan de slag ging bij PepsiCo. Charles Bouaziz was bij PepsiCo aanvankelijk Marketing Director voor Frankrijk en België en werd in 1996 General Manager voor Frankrijk. In 2006 werd hij General Manager van een groep landen waaronder Frankrijk, Duitsland, Italië, Zwitserland en Oostenrijk. In 2008 werd Charles Bouaziz aangesteld als President van PepsiCo Western Europe. In 2010 ruilde hij PepsiCo in voor Monoprix, waar hij CEO werd. Charles Bouaziz trad in 2010 in dienst bij PAI Partners als lid van het sectorteam Food & Consumer Goods en later als hoofd van de Portfolio Performance Group. Verder is Charles Bouaziz ook Voorzitter van de Raad van Bestuur van PAI Partners sinds 2013 en bekleedt hij een positie bij Les Amis de Vaulserre et du Trieves. Charles Bouaziz studeerde af aan de École Supérieure des Sciences Economiques et Commerciales (ESSEC).

Philippe Agostini

Executive VP Procurement

Group Chief Procurement & Supply Chain Officer, werd op 1 september 2013 benoemd als CPO en is verantwoordelijk voor de functies Purchasing & Supply Chain van de Ontex Groep. Daarvoor bekleedde Philippe Agostini 30 jaar lang verschillende leidinggevende functies in Purchasing en Supply Chain bij Mars, McDonald's, Lactalis, Pechiney-Alcan, Johnson Diversey, en laatst bij Famar als Group Purchasing VP.

Philippe Agostini heeft een diploma van de Engineer School École Nationale Supérieure des Arts et Métiers en een diploma van Purchasing Master Management des Achats Industriels behaald.

Armando Amselem

President AMEAA

Hij werd lid van de Ontex Groep vanuit Vita Coco, waar hij dienstig was als Global Chief Financial Officer. Voor Vita Coco, bekleedde de heer Amselem diverse managementfuncties in Europa en de VS tijdens zijn 20-jarige loopbaan bij PepsiCo, waaronder General Manager van Tropicana Noord-Amerika en General Manager van PepsiCo Frankrijk. Hij werkte ook voor de Santander Investment Bank en Alella Vinicola. Armando Amselem

behaalde een MBA aan de New York University Leonard Stern School of Business, VS, een master in Wijnkunde en een bachelor diploma in Agronomic Engineering en Food Sciences aan de Universidad Politecnica van Barcelona in Spanje.

Laurent Bonnard

Executive VP Commercial

Laurent Bonnard werd op 9 september 2013 aangesteld als Group Sales Director van Ontex BVBA. Laurent Bonnard bekleedde verschillende leidinggevende functies binnen Sales and Marketing bij Mars en Quaker. Hij trad vervolgens in dienst bij Pepsico, als Sales Director France, en werd er uiteindelijk VP Business Development voor Europa. Laurent Bonnard heeft een diploma economie van het Institut Supérieur du

Commerce de Paris.

Astrid De Lathauwer

Executive VP HR

Astrid De Lathauwer trad in dienst bij de Ontex groep na een aantal leidinggevende human resources functies te hebben bekleed. Astrid De Lathauwer oefende internationale leidinggevende HR rollen uit bij AT&T in Europa, hun U.S. hoofdkwartier, alsook bij Monsanto. Gedurende tien jaar was Astrid De Lathauwer Chief HR Officer van Belgacom. Voor haar indiensttreding bij de Ontex groep, was ze Managing Director van Acerta Consult. Astrid De Lathauwer behaalde een diploma in Politieke & Sociale Wetenschappen en Kunstgeschiedenis. Astrid is lid

van het Remuneratiecomité van Colruyt en Immobel.

Annick De Poorter

Executive VP R&D en Quality

Annick De Poorter trad in 2003 bij de Ontex groep in dienst als R&D Manager voor dameshygiëneproducten en werd in januari 2009 gepromoveerd tot R&D and Quality Director. Vóór haar carrière bij de Ontex groep was Annick De Poorter R&D Engineer Technical Products bij Libeltex NV in België. Daarvoor was ze wetenschappelijk onderzoeker aan de universiteit van Gent, België, aan de faculteit

Ingenieurswetenschappen, vakgroep Textielkunde. Annick De Poorter behaalde een masterdiploma als burgerlijk ingenieur textielkunde aan de universiteit van Gent, België.

Charles Desmartis

Executive VP Finance, Legal & IT and Chief Financial Officer

Charles Desmartis is in januari 2019 toegetreden tot de Ontex Group. Voordat Charles Desmartis toetrad tot de Ontex Group, heeft hij senior finance- en CFO-functies vervuld bij Schlumberger, Gemalto en Europcar, waarna hij in dienst is getreden bij Carrefour als Group Financial Controller. Recentelijk was hij CEO van de Carrefour Group in Brazilië waar hij de voorbereiding en de uitvoering van de beursgang van het bedrijf heeft

geleid. Hij is niet-onafhankelijk lid van de Raad van Bestuur van Atacadão S.A. Hij heeft een MBA van de École des Hautes Études Commerciales in Parijs en een MSC in Management van Stanford University uit de Verenigde Staten.

Xavier Lambrecht

President Healthcare

Xavier Lambrecht, vast vertegenwoordiger van Marex BVBA, General Manager van de Healthcare Divisie, trad begin 2009 in dienst bij de Ontex Groep als Sales & Marketing Director van de Health Care Divisie. Daarvoor bekleedde hij verschillende functies binnen Sales Development, Marketing and Business Planning bij Imperial Tobacco. Dhr. Lambrecht heeft een masterdiploma als handelsingenieur van de Universiteit van Leuven,

België behaald.

Axel Löbel

Executive VP Operations

Axel Löbel vervoegde de Ontex Group in februari 2019. Voordat zij bij de Ontex Group kwam, bekleedde Axel verschillende functies binnen Procter en Gamble Baby Care, variërend van elektrische ondersteuning tot productie, logistiek en vervolgens leidend in de ontwikkeling en implementatie van wereldwijde productupgrades. In 2008 leidde hij een greenfield start-up van een Procter & Gamble luierfabriek in Cairo,

Egypte. In 2013 vervoegde hij Melitta als COO en leidde hij de end-to-end supply chain van zijn consumptiegoederenbedrijf. Meest recentelijk bekleedde hij de functie van General Manager bij een van de strategische fulfillment centers van Amazon, gevestigd in Praag. Hij behaalde een masterdiploma Elektrotechniek - vakgebiedcommunicatie en heeft meer dan vijfentwintig jaar professionele ervaring in operaties.

Thierry Navarre

Chief Transformation Officer

Thierry Navarre trad in mei 2006 in dienst bij de Ontex Groep als Group Supply Chain Director en werd in februari 2009 aangesteld als Chief Operating Officer. Artipa BVBA, met Thierry Navarre als haar vaste vertegenwoordiger, werd benoemd als Uitvoerend Bestuurder van Ontex Group NV met ingang van 24 april 2014. Thierry Navarre heeft een diploma in Business Administration aan de École Supérieure de Commerce

van Nantes (AUDENCIA), Frankrijk, en heeft eveneens een masterdiploma in Industrial Logistics aan het Institut Supérieur de Logistique Industrielle (Groupe École Supérieure de Commerce) van Bordeaux, Frankrijk behaald. Vóór zijn carrière bij Ontex was hij tussen juli 2005 en mei 2006 Director of Strategy & Development bij InBev in Frankrijk (nu AB Inbev), en bekleedde hij tussen 2001 en 2005 andere leidinggevende managementposities in de aankoop en distributie bij InBev. Voordien bekleedde hij tussen 1997 en 2001 verschillende functies in de logistiek en distributie bij Fort James (nu Georgia Pacific) en tussen 1991 en 1997 bij Jamont (nu Georgia Pacific).

Thierry Viale

President Europe

Thierry Viale werd op 1 oktober 2013 aangesteld als General Manager van de divisies Growth Markets en Strategic Development. Vóór hij bij Ontex in dienst trad, bekleedde Thierry Viale verschillende leidinggevende functies bij Procter & Gamble in West-Europa, Rusland, Nigeria/West-Afrika, Groter China, de Balkan en in India. Thierry Viale heeft een diploma van de Saint Cyr Military Academy, een diploma van de Neoma Business

School en een diploma van ESCP Europe behaald.

4. RELEVANTE INFORMATIE IN HET GEVAL VAN EEN OVERNAMEBOD

Artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt, vereist dat genoteerde vennootschappen bepaalde gegevens bekendmaken die een invloed kunnen hebben in geval van een overnamebod.

4.1. Kapitaalstructuur

Een uitgebreid overzicht van onze kapitaalstructuur per 31 december 2017, wordt weergegeven in hoofdstuk 2.1. van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

4.2. Beperkingen op de overdracht van effecten

De Statuten van de Vennootschap bevatten geen beperkingen op de overdracht van aandelen in de Vennootschap. Bovendien heeft de Vennootschap geen kennis van enige van deze beperkingen onder Belgisch recht met uitzondering van de regels inzake marktmisbruik.

4.3. Houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten

Er zijn geen dergelijke houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten.

4.4. Aandelenplannen voor werknemers waar de zeggenschapsrechten niet rechtstreeks door de werknemers worden uitgeoefend

De aandelen in de Vennootschap die door de deelnemers zullen worden verworven in het kader van het bestaande LTIP naar aanleiding van de uitoefening van de aandelenopties of naar aanleiding van het verwerven van de RSUs, zijn bestaande gewone aandelen in de Vennootschap, met alle rechten en voordelen verbonden aan deze aandelen. Een meer gedetailleerde beschrijving van de LTIP is uiteengezet in het Remuneratieverslag.

De Vennootschap heeft geen aandelenplannen voor werknemers opgezet waar de zeggenschapsrechten niet rechtstreeks worden uitgeoefend door de werknemers.

4.5. Beperking op stemrechten

De Statuten van de Vennootschap bevatten geen beperkingen op de uitvoering van de stemrechten door de aandeelhouders, op voorwaarde dat de betreffende aandeelhouders voldoen aan de formaliteiten om toegelaten te worden tot de aandeelhoudersvergadering en hun stemrechten niet zijn geschorst door één van de gebeurtenissen voorzien in de Statuten of in het Wetboek van vennootschappen. Overeenkomstig artikel 11 van de Statuten van de Vennootschap, kan de Raad de uitoefening van rechten verbonden aan aandelen gehouden door meerdere aandeelhouders schorsen.

De Vennootschap heeft geen kennis van enige beperkingen onder Belgisch recht op het uitoefenen van stemrechten door de aandeelhouders.

4.6. Regels over de benoeming en vervanging van de leden van de Raad

De duur van het mandaat van bestuurders is onder Belgisch recht beperkt tot zes jaar (hernieuwbaar), maar de Corporate Goverannce Code beveelt aan dat deze duur beperkt wordt tot vier jaar. De Benoeming en herbenoeming van bestuurders wordt voorgesteld door de Raad, op basis van een aanbeveling van het Bezoldigings- en Benoemingscomité en is onderworpen aan goedkeuring door de algemene aandelhoudersvergadering.

4.7. Regels over wijzigingen aan de statuten

Met uitzondering van een kapitaalverhoging beslist door de Raad binnen de limieten van het toegestaan kapitaal of een verplaatsing van de maatschappelijke zetel van de Vennootschap (indien zulke verplaatsing geen wijziging van de taal van de statuten met zich meebrengt ingevolge de toepasselijke taalwetgeving), is enkel een buitengewone algemene aandeelhoudersvergadering bevoegd om de statuten van de Vennootschap te wijzigen. Een aandeelhoudersvergadering kan enkel geldig beraadslagen over wijzigingen aan de statuten als ten minste 50% van het aandelenkapitaal is vertegenwoordigd. Als het bovenstaande aanwezigheidsquorum niet is bereikt, dient opnieuw een buitengewone algemene aandeelhoudersvergadering te worden bijeengeroepen, die geldig zal kunnen beraadslagen, ongeacht welk aandeel van het aandelenkapitaal op de aandeelhoudersvergadering is vertegenwoordigd. In het algemeen kunnen statutenwijzigingen enkel worden aangenomen indien goedgekeurd door ten minste 75% van de uitgebrachte stemmen. Het Wetboek van Vennootschappen voorziet striktere meerderheidsvereisten in specifieke gevallen, zoals voor aanpassingen aan het maatschappelijk doel van de Vennootschap.

4.8. Toegestaan kapitaal

Op 10 juni 2014, heft de buitegenwone algemene aandeelhoudersvergadering de Raad gemachtigd om, onder voorbehoud van en met effect vanaf de voltooiing van de IPO, het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap in één of meer malen, te verhogen met een (totaal) bedrag van maximal 50% van het bedrag van het maatschappelijk kapitaal (€340.325.414) zoals opgetekend onmiddellijk na de voltooiing van de IPO. Binnen het kader van het toegestaan kapitaal is de Raad gemachtigd om de kapitaalverhoging te verwezenlijken in eender welke vorm, met inbegrip van maar niet beperkt tot, een kapitaalverhoging door middel van een inbreng in geld of in natura, of door uitgifte van aandelen, converteerbare obligaties, warranten of andere effecten.

De Raad is gemachtigd om de voorkeurrechten van de aandeelhouders te beperken of op te heffen binnen het kader van het toegestaan kapitaal en overeenkomstig de voorwaarden voorgeschreven door de statuten van de Vennootschap en het Wetboek van Vennootschappen.

Deze machtiging omvat het beperken of opheffen van de voorkeurrechten ten gunste van één of meer specifieke personen en in verband met kapitaalverhoging in het geval van een publiek overnamebod.

Deze machtiging is geldig voor een periode van vijf jaar vanaf de datum van de publicatie van de machtiging in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, zijnde vijf jaar met ingang vanaf 9 juli 2014.

Op 9 november 2015 stelde de Vennootschap de verwezenlijking van een kapitaalverhoging bij wijze van inbreng in geld in het kader van het toegestaan kapitaal vast, die resulteerde in een kapitaalverhoging ten belope van €40.839.036,68 (exclusief uitgiftepremie ten belope van een bedrag van €73.902.592,52), van €680.650.828 naar €721.489.864,68.

Op 29 februari 2016 stelde de Vennootschap de verwezenlijking van de kapitaalverhoging bij wijze van inbreng in natura in het kader van het toegestaan kapitaal vast, die resulteerde in een kapitaalverhoging ten belope van €27.226.021,12 (exclusief uitgiftepremie ten belope van een bedrag van €48.451.722,68), van €721.489.864,68 naar €748.715.885,80.

Op 22 maart 2017 stelde de Vennootschap de verwezenlijking van een kapitaalverhoging bij wijze van inbreng in natura in het kader van het toegestaan kapitaal vast, die resulteerde in een kapitaalverhoging ten belope van €74.871,580.58 (exclusief uitgiftepremie ten belope van een bedrag van €145.968.664.42) van €748.715.885.80 naar €823.587.466,38.

Op 25 mei 2018 hernieuwde de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders de machtiging aan de Raad met betrekking tot toegestaan kapitaal onder de volgende voorwaarden:

De Raad van Bestuur kan het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap in één of meerdere keren verhogen met een bedrag gecumuleerd over 5 jaar van maximaal 50% van het bedrag van het maatschappelijk kapitaal zoals onmiddellijk na de algemene vergadering van aandeelhouders van 25 mei 2018 geregistreerd, waarvan maximaal 20% van het bedrag van het maatschappelijk kapitaal zoals onmiddellijk na de algemene vergadering van aandeelhouders van 25 mei 2018 geregistreerd, in geval van een kapitaalverhoging met opzegging of beperking van het voorkeurrecht van de aandeelhouders.

Deze toestemming kan worden verlengd in overeenstemming met de relevante wettelijke bepalingen. De Raad van Bestuur kan deze bevoegdheid uitoefenen van een periode van vijf (5 jaar) vanaf de datum van publicatie in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van de wijziging van deze statuten goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders op 25 mei 2018.

4.9. Verkrijging van eigen aandelen

Op 25 mei 2018 hernieuwde de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders de machtiging aan de Raad met betrekking tot de verwerving van eigen aandelen onder de volgende voorwaarden:

De vennootschap kan, zonder voorafgaande toestemming van de algemene vergadering, in overeenstemming met de artikelen 620 ev. van het Wetboek van Vennootschappen en binnen de limieten die in deze bepalingen zijn vastgelegd, verwerven, op of buiten de aandelenmarkt, tot 10% van de eigen aandelen, winstbewijzen of bijbehorende certificaten voor een prijs die voldoet aan de wettelijke vereisten, maar die in ieder geval niet meer dan 10% onder de laagste slotkoers liggen in de laatste dertig handelsdagen voorafgaand aan de transactie en niet meer dan 5% boven de hoogste slotkoers in de laatste dertig handelsdagen voorafgaand aan de transactie. Deze machtiging is vijf jaar geldig vanaf 25 mei 2018. Deze machtiging heeft betrekking op de verwerving op of buiten de aandelenmarkt door een rechtstreekse dochteronderneming in de zin en op de limieten bepaald in artikel 627, eerste streepje, van het Wetboek van Vennootschappen. Indien de verwerving door het bedrijf buiten de beurs plaatsvindt, zelfs door een dochteronderneming, moet het bedrijf voldoen aan artikel 620, §1, 5 ° van het Wetboek van Vennootschappen.

In de loop van juni 2018 heeft de Vennootschap 173.218 eigen aandelen gekocht, zoals hierboven beschreven, zie hoofdstuk "Kapitaal- en kapitaalevoluties in 2018".

Voor een meer gedetailleerde beschrijving van de aankoop van eigen aandelen, cfr. Hoofdstuk 2.1.

4.10. Materiële overeenkomsten waarbij Ontex partij is die een Change of Control clausule bevatten

4.10.1. Senior Termijn Faciliteit Overeenkomst

De Vennootschap en bepaalde van haar dochterondernemingen hebben een nieuwe Senior Termijn Faciliteit afgesloten op 26 november 2017 over een termijn van vijf jaar (hierna de "Senior Termijn Faciliteit 2017") voor een bedrag van €900.000.000 bestaande uit een termijnlening van €600.000.000 en een revolving faciliteit van €300.000.000 met als doel om onder meer de Senior Termijn Faciliteit 2014 terug te betalen zoals van tijd tot tijd gewijzigd en/of aangepast, en voor algemene corporate doeleinden.

De Senior Termijn Faciliteit 2017 bevat provisies die kunnen worden geactiveerd in geval van een controlewijziging over de vennootschap. Meer specifiek, bepaalt de Senior Termijn Faciliteit onder meer dat, ingeval een persoon of groep van personen, gezamenlijk handelend, rechtstreeks of onrechtstreeks, kapitaal van de Vennootschap in eigendom verwerft, dat recht geeft op meer dan 50 % van de stemmen die kunnen worden aangewend in de algemene aandeelhoudersvergadering van de Vennootschap, dit kan leiden tot een verplichte vooruitbetaling en opheffing onder de Senior Termijn Faciliteit.

4.10.2. Faciliteit Overeenkomst

De Vennootschap en bepaalde van haar dochterondernemingen hebben een nieuwe Senior Termijn Faciliteit afgesloten, voor een termijn van zeven jaar, op 4 december 2017 (hierna de "Faciliteit Overeenkomst 2017") voor een bedrag van €250.000.000 bestaande uit een termijnlening van €150.000.000 en een revolving kredietfaciliteit van €100.000.000 met als doel om onder meer de Senior Secured Notes terug te betalen zoals van tijd tot tijd gewijzigd en/of aangepast, en voor algemene corporate doeleinden.

De Faciliteit Overeenkomst 2017 bevat bepalingen die kunnen worden geactiveerd in geval van een controlewijziging over de vennootschap. Meer specifiek, bepaalt de Senior Termijn Faciliteit onder meer dat ingeval eenpersoon of groep van personen, handelend in onderling overleg, rechtstreeks of onrechtstreeks, kapitaal van de Vennootschap in eigendom verwerft, dat het recht geeft op meer dan 50 % van de stemmen die kunnen worden aangewend in de aandeelhoudersvergadering van de Vennootschap, dit kan leiden tot een verplichte uitbetaling of opheffing onder de Senior Termijn Faciliteit.

4.10.3. Factoring Overeenkomst

De Vennootschap sloot op 21 februari 2018 een Factoring Overeenkomst af met BNP Paribas Fortis Factor NV en KBC Commercial Finance NV (hierna de "Factoring Overeenkomst"); De Factoring Overeenkomst bevat bepalingen die kunnen worden geactiveerd in geval van een controlewijziging over de Vennootschap. Meer specifiek, bepaalt de Factoring Overeenkomst onder meer dat in geval van effectieve zeggenschap over een partij wordt overgedragen aan anderen, de andere partij het recht heeft om de Factoring Overeenkomst te beëindigen.

4.10.4. Hedging Overeenkomst

De Vennootschap sloot op 12 maart 2018 een ISDA FX Hedging Overeenkomst af met Crédit Agricole Corporate en Investment Bank ('CACIB')('Hedging Overeenkomst'). De Hedging Overeenkomst bevat bepalingen die kunnen worden geactiveerd in geval van een controlewijziging over de Vennootschap. Meer specifiek voorziet de Hedging Overeenkomst in geval van, onder andere, een controlewijziging over de Vennootschap dat CACIB het recht heeft om de overeenkomst te beëindigen.

Alle bepalingen inzake controlewijziging zoals hierboven vermeld, zijn onderworpen aan de toestemming van de aandeelhouders in overeenstemming met artikel 556 van het Wetboek van Vennootschappen, en de goedkeuring zal worden gevraagd tijdens de opkomende aandeelhoudersvergadering.

4.11. Beëindigingsvergoeding als gevolg van een beëindiging van een contract van de leden van de Raad of van werknemers als gevolg van een openbaar overnamebod

De Vennootschap heeft geen overeenkomst gesloten met de leden van haar Raad noch met haar werknemers die als gevolg zou hebben dat een beëindigingsvergoeding zou worden betaald indien, als gevolg van een openbaar overnamebod, de leden van Raad of werknemers ontslag nemen, ontslagen worden, of indien werknemersovereenkomsten worden beëindigd.

Gelieve voor een algemene omschrijving van de beëindigingsclausules van de leden van de Raad en het Directiecomité hoofdstuk 8.7 van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur te raadplegen.

5. BELANGENCONFLICTEN

Elk lid van de Raad moet zijn of haar persoonlijke en zakelijke aangelegenheden op een zodanige wijze regelen dat elk belangenconflict van een persoonlijke, professionele of financiële aard met de Vennootschap vermeden wordt, zowel rechtstreeks als via verwanten (inclusief echtgeno(o)t(e), levenspartner, of andere verwanten (door afstamming of huwelijk) tot de tweede graad en pleegkinderen).

In overeenstemming met artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen, idien een bestuurder, rechtstreeks of onrechtstreeks, een belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met een beslissing of een verrichting die tot de bevoegdheid behoort van de Raad, moet hij/zij dit mededelen ana de andere bestuurders voor de Raad een besluit neemt en moet de commissaris op de hoogte worden gebracht. Voor vennootschappen die een publiek beroep op het spaarwezen doen of hebben gedaan (zoals Ontex Group NV), kan het betrokken lid van de Raad niet deelnemen aan de beraadslagingen van de Raad over deze verrichtingen of beslissingen, noch stemmen.

Belangenconflicten in de zin van artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen vonden plaats bij de volgende aangelegenheid in 2016, en de bepalingen van artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen werden toegepast:

5.1. Bezoldiging van de leden van het Directiecomité

Op 5 maart 2018, heeft de Raad de bezoldiging goedgekeurd (inclusief LTIP 2018) voor de leden van het Directiecomité. Voorafgaand aan de bespreking van dit punt hebben Charles Bouaziz, Cepholli BVBA, met Jacques Purnode als haar vaste vertegenwoordiger, en Artipa BVBA, met Thierry Navarre als haar vaste vertegenwoordiger, verklaard dat ze een belangenconflict hebben in overeenstemming met artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen. Het relevante deel van de notulen wordt hieronder integraal weergegeven (vrije vertaling uit het Engels):

"Alvorens over te gaan tot de beraadslaging over dit agendapunt, verklaren Charles Bouaziz, Jacques Purnode en Thierry Navarre, vaste vertegenwoordigers van hun respectievelijke managementvennooschappen Cepholli BVBA en Artipa BVBA, bestuurders van de Vennootschap, een belang van vermogensrechtelijke aard te hebben dat strijdig is met de beslissingen die tot de bevoegdheid behoren van de Raad van Bestuur.

Dit belangenconflict volgt uit het feit dat Charles Bouaziz, Jacques Purnode en Thierry Navare, of in eigen naam of via hun managementvennootschap, zowel bestuurders van de Vennootschap als lid van het Directiecomité zijn. De voorstellen van bezoldigingen zullen financiële gevolgen hebben voor de Vennootschap die zijn opgenomen in het dossier dat is overhandigd aan het Bezoldigings- en Benoemingscomité en zoals hieronder uiteengezet.

Overeenkomstig met artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen hebben Charles Bouaziz, Cepholli BVBA (vertegenwoordigd doorhaar vaste vertegenwoordiger Jacques Purnode) en Artipa BVBA (vertegenwoordigd door haar vaste vertegenwoordiger Thierry Navarre) afgezien van deelname aan de beraadslaging en stemming over de resoluties.

Overeenkomstig met artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen is de bedrijfsrevisor, PriceWaterhouseCoopers Bedrijfsrevisoren BV CVBA, vast vertegenwoordigd door Peter Opsomer BV BVBA, op zijn beurt vertegenwoordigd door haar vaste vertegenwoordiger Peter Opsomer, op de hoogte gebracht van het bestaan van de belangenconflicten. Bovendien zullen de relevante delen van deze notulen worden opgenomen in het jaarverslag van de Raad van Bestuur."

5.2. Project Spiral – 2017 Earn-out

Op 27 juni 2018 heeft de Raad gedelibereerd over de Project Spiral – 2017 Earn-out. Voorafgaand aan de behandeling van dit agendapunt verklaarde Juan Gilberto Marin Quintero een tegenstrijdig belang overeenkomstig artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen. Het relevante gedeelte van de notulen is te vinden in onderstaand hoofdstuk:

"Voorafgaand aan de bespreking van het betrokken agendapunt heeft de heer Juan Gilberto Marin Quintero een persoonlijk belangenconflict verklaard van financiële aard, in de zin van artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen, met betrekking tot dit agendapunt, dat betrekking heeft op bedragen van de uitgestelde betaling over 2015 en 2016 aan hem, naast andere verkopers, met betrekking tot de overname van Grupo Mabe door de Vennootschap (via haar dochterondernemingen).

De heer Juan Gilberto Marin Quintero verliet de vergadering en nam niet deel aan de beraadslaging of de beslissing over dit agendapunt. Hij zal de auditor van de Vennootschap informeren over zijn belangenconflict, in overeenstemming met artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen, en een kopie van het relevante uittreksel van deze notulen zal worden opgenomen in het desbetreffende jaarverslag.

De Voorzitter herinnerde de Raad eraan dat Verkopers en Kopers, dochterondernemingen van de Vennootschap (zoals gedefinieerd in de Amended and Restated Master Purchase Agreement voor Project Spiral van 28 februari 2016, en verder gewijzigd op 29 april 2016, het "Master Purchase Agreemen"), zijn in gesprek gegaan over de bedragen van uitgestelde betaling die verschuldigd zijn met betrekking tot het jaar 2017.

Het Audit en Risicocomité heeft een voorstel nagezien om een akkoord te bereiken met betrekking tot de uitgestelde betaling voor het jaar 2017 (de "Voorgestelde Overeenkomst"). Ingevolge de Voorgestelde Overeenkomst zou de Vennootschap, via haar dochterondernemingen, overeenkomen bepaalde bedragen te betalen als volledige en definitieve settlement van alle claims, geschillen of discussies met betrekking tot de uitgestelde betaling 2017, volgens de volgende hoofdvoorwaarden:

  • De uitbetaling van het bedrag van de 2017 Maximum Peso uitgestelde betaling (MXN 387.500.000) onder voorwaarde dat:
    • o Verkopers die afstand doen van enig recht met betrekking tot de Euro Deferred Consideration 2017
    • o Aftrek door middel van verrekening van het bedrag van de 2017 Maximum Peso uitgestelde betaling, de verschillende reeds door de Koper gemaakte kosten en uitgaven (bij benadering MXN 16 miljoen) die door de Verkopers aan de Kopers moet worden vergoed onder de transactiedocumenten.
    • o Als zekerheid voor enige toekomstige verliezen die kunnen voortvloeien uit de claims voor schadevergoeding wordt het saldo van het bedrag van de 2017 Maximum Peso uitgestelde betaling (na dergelijke aftrek) gecrediteerd en geblokkeerd op een geblokkeerde rekening die wordt geopend op naam van Verkopers bij een financiële instelling aanvaardbaar voor Kopers of alternatief een pandrecht wordt gecreëerd op een effectenrekening die een portefeuille van voor de Kopers acceptabele effecten bevat met een onderpandwaarde die gelijk is aan deze balans, met dien verstande dat (i) de pandovereenkomst arm's length bepalingen bevat met betrekking tot de substitutie van het onderpand en (ii) Verkopers zullen zich ertoe verbinden om de onderpandwaarde van de effecten gecrediteerd op de effectenrekening ten allen tijde te handhaven op een niveau dat niet lager is dan de onderpandwaarde van de initiële effectenportefeuille (uitgedrukt in MXN);
  • Een mandaat te verlenen aan de CEO en de CFO, elk afzonderlijk met de bevoegdheid om een schikkingsovereenkomst en een escrow-overeenkomst (eveneens een aanvullende overeenkomst of document) te subdelegeren, te onderhandelen en uit te voeren met de kopers overeenkomstig bovenstaande voorwaarden.

Na overleg keurt de Raad de toetreding tot de Voorgestelde Overeenkomst in het belang van de Vennootschap en haar dochterondernemingen unaniem goed, zoals aanbevolen dor het Audit- en Risicocomité."

5.3. Uitbreiding van de LTSA-overeenkomst van Maquinsa voor Non-Wovens

Op 6 november 2018 heeft de Raad gedelibereerd over de verlenging van de LTSA-overeenkomst van Maquinsa voor nietgeweven stoffen. Voorafgaand aan de behandeling van dit agendapunt verklaarde Juan Gilberto Marin Quintero een tegenstrijdig belangenconflict overeenkomstig met artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen te hebben. Het relevante gedeelte van de notulen is te vinden in onderstaand hoofdstuk:

"Alvorens dit punt te bespreken, verklaarde Juan Gilberto Marin Quintero een tegenstrijdig belangenconflict overeenkomstig met artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen te hebben. Alvorens het betrokken agendapunt te bespreken, deelde de Voorzitter de leden mee dat de heer Juan Gilberto Marin Quintero voorafgaand aan de vergadering een persoonlijk belangenconflict van financiële aard, in de zin van artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen, had verklaard met betrekking tot van het agendapunt, dat betrekking heeft op de verlenging van de Langlopende Leveringsovereenkomst met Maquinsa wat de levering van niet-geweven materialen betreft. In het licht van dit belangenconflict nam de heer Juan Gilberto Marin Quintero niet deel aan de vergadering. Hij zal de auditor van de Vennootschap informeren over zijn belangenconflict, in overeenstemming met artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen, en een kopie van het relevante uittreksel van deze notulen zal worden opgenomen in het desbetreffende jaarverslag. De Voorzitter van de ARC herinnerde de Raad eraan dat de langlopende leveringsovereenkomst oorspronkelijk was aangegaan bij de voltooiing van de overname van de Mexicaanse activiteit. Partijen hebben overeenstemming bereikt over de verlenging van dat contract met betrekking tot de levering van nietgeweven materialen. De verlenging met twee jaar (2019 en 2020) voor een jaarlijks volume tussen 6 en 10 miljoen euro, werd overwogen in het belang van de onderneming, omdat het de levering verzekert van producten die niet eenvoudig beschikbaar zijn buiten Maquinsa, en evenmin tegen markt-competitieve voorwaarden en de verlenging omvat verbeterde kortingen. De bepalingen die garantie bieden voor marktconcurrerende voorwaarden en periodieke prijsherzieningen zijn gehandhaafd. Na beraadslaging en overleg; de Raad van Bestuur heeft de intreding van het contract unaniem geratificeerd. "

6. TRANSACTIES MET VERBONDEN PARTIJEN

Ontex Group NV is in 2018 geen transacties aangegaan met verbonden partijen in de zin van artikel 524 van het Wetboek van Vennootschappen.

7. NALEVING VAN DE BELGISCHE CORPORATE GOVERNANCE CODE VAN 2009

De Vennootschap streeft naar hoge standaarden betreffende deugdelijk bestuur en baseert zich op de Corporate Governance Code als referentiecode. De Corporate Governance Code is gebaseerd op een "pas toe of leg uit" benadering. Belgische genoteerde vennootschappen moeten handelen in overeenstemming met de Corporate Governance Code, maar kunnen afwijken van deze bepalingen, voor zover deze niet zijn opgenomen in het Wetboek van vennootschappen en op voorwaarde dat zij een rechtvaardiging voor deze afwijkingen bekendmaken in hun verklaring inzake deugdelijk bestuur zoals opgenomen in het jaarverslag in overeenstemming met artikel 96 §2, 2° van het Wetboek van vennootschappen.

De Vennootschap handelt in overeenstemming met de Corporate Governance Code, behalve met betrekking tot het volgende:

  • de Statuten van de Vennootschap staan de Vennootschap toe af te wijken van artikel 520ter van het Wetboek van vennootschappen en dus mag de Vennootschap aandelen, aandelenopties en andere op aandelen gebaseerde stimulansen toekennen die definitief worden verworven binnen drie jaar na hun toekenning. De Vennootschap heeft echter nog geen gebruik gemaakt van deze machtiging en de LTIP, zowel de toekenning gedurende LTIP 2014, LTIP 2015, LTIP 2016, LTIP 2017, als de toekenning gedurende LTIP 2018, zoals beschreven in het Remuneratieverslag, voorzien een verwervingsperiode van drie jaar voor de aandelenopties en RSUs;
  • de CEO en bepaalde andere leden van het Directiecomité hebben in bepaalde omstandigheden recht op een vertrekvergoeding die hoger is dan 12 of 18 maanden loon wanneer de Vennootschap beslist om de nietconcurrentiebedingen in de respectievelijke overeenkomsten volledig toe te passen (zie hoofdstuk 8.7. van het Remuneratieverslag voor een gedetailleerde beschrijving hiervan). Overeenkomstig artikel 554, 4de lid van het Wetboek van vennootschappen, met betrekking tot Charles Bouaziz en Artipa BVBA, met Thierry Navarre als haar vaste vertegenwoordiger, keurde de jaarlijkse algemene aandeelhoudersvergadering van 26 mei 2015 vertrekvergoedingen die in bepaalde omstandigheden hoger zijn dan 18 maanden loon, goed. De Vennootschap meent dat deze afwijkingen van de Corporate Governance Code nodig zijn om bekwame uitvoerende bestuurders en managers aan te trekken en te behouden in de competitieve context waarin de Vennootschap functioneert.

8. REMUNERATIEVERSLAG

8.1. Remuneratiebeleid en procedure voor de Raad van Bestuur

De verloning van de niet-uitvoerende leden van de Raad werd aangepast bij besluit van de aandeelhoudersvergadering van 25 mei 2016 op voorstel van de Raad van Bestuur en op aanbeveling van het Bezoldigings- en Benoemingscomité. Het remuneratiebeleid houdt rekening met de verantwoordelijkheden en de inzet van de leden van de Raad ten aanzien van de ontwikkeling van de Ontex groep, en is bedoeld om personen die beschikken over de nodige ervaring en competenties voor deze rol aan te trekken en te behouden.

Overeenkomstig dit besluit van de aandeelhouders, werd volgend remuneratiebeleid goedgekeurd:

  • Vaste vergoeding niet-uitvoerende leden van de Raad: € 60.000 per jaar voor elk niet-uitvoerend lid van de Raad, met uitzondering van de Voorzitter van de Raad van Bestuur;
  • Aanwezigheidsvergoeding niet-uitvoerende leden van de Raad: € 2.500 per aanwezigheid op een vergadering van de Raad voor elk niet-uitvoerend lid van de Raad, met uitzondering van de Voorzitter van de Raad van Bestuur;
  • Vaste vergoeding voor de Voorzitter van de Raad: € 120.000 per jaar betaald aan de Voorzitter van de Raad van Bestuur;
  • Aanwezigheidsvergoeding Voorzitter Raad: € 5.000 betaald aan de Voorzitter van de Raad van Bestuur per aanwezigheid op een vergadering van de Raad;
  • Aanwezigheidsvergoeding voor Comitéleden (Bezoldigings- en Benoemingscomité, respectievelijk Audit- en Risicocomité): € 2.500 per aanwezigheid op een vergadering van een comité betaald aan elk niet-uitvoerend lid van een comité, met uitzondering van de Voorzitter van het betrokken comité;
  • Vaste vergoeding voor de Voorzitter van een comité (Bezoldigings- en Benoemingscomité, respectievelijk Audit- en Risicocomité): € 10.000 per jaar betaald aan de Voorzitter van het betrokken comité; en
  • Aanwezigheidsvergoeding voor de Voorzitter van een comité (Bezoldigings- en Benoemingscomité, respectievelijk Audit- en Risicocomité): € 4.000 per aanwezigheid in een vergadering aan de Voorzitter van elk comité in hoedanigheid van Voorzitter van het betrokken comité.

Deze vergoedingen zijn exclusief enige van toepassing zijnde BTW.

Daarnaast genieten de Niet-Uitvoerende Bestuurders van dekking onder de D&O polis, beschreven in hoofdstuk 8.6 van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

Het remunieratiebeleid voor de Niet-Uitvoerende Bestuurders wordt toegelicht in hoofdstuk 8.2 van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur. Geen enkele van de Uitvoerende Bestuurders ontving enige bestuudersvergoeding.

Het remuneratiebeleid zal op regelmatige basis door het Bezoldigings- en Benomingscomité worden geëvalueerd, in lijn met de gangbare marktvoorwaarden voor beursgenoteerde bedrijven in België en bedrijven van vergelijkbare grootte in een gelijkaardige FMCG markt.

2018 Niet-Uitvoerend Bestuurder vergoeding overzicht (per lid)
---------------------------------------------------------------- -- -- --
Naam Functie Vergoeding (in EUR)
Revalue BVBA, vertegenwoordigd door Luc
Missorten
Voorzitter van de Raad, Onafhankelijk
Bestuurder
217.500,00
Inge Boets BVBA, vertegenwoordigd door Inge
Boets
Voorzitter van het Audit- en Risicocomité,
Onafhankelijk Bestuurder
135.000,00
Tegacon Suisse GmbH, vertegenwoordigd door
Gunnar Johansson
Voorzitter van het Bezoldigings- en
Benoemingscomité, Onafhankelijk
Bestuurder
128.500,00
Uwe Krüger12 Onafhankelijk Bestuurder 95.000,00
Juan Gilberto Marin Quintero Niet-Uitvoerend Bestuurder 97.500,00
Regi Aalstad Onafhankelijk Bestuurder 100.000,00
Michael Bredael Niet-Uitvoerend Bestuurder 105.000,00

8.2. Remuneratiebeleid en procedure voor het Directiecomité

Het remuneratiebeleid van de Vennootschap voor het Directiecomité is ontwikkeld met het oog op het aantrekken, motiveren en behouden van getalenteerde managers, die over de nodige motivatie en energie beschikken om resultaten in lijn met onze groeiambities te realiseren. Het remuneratiebeleid is erop gericht een prestatiegerichte cultuur te creëren om winstgevende groei op lange termijn te realiseren. Groei wordt gedefinieerd in termen van financiële groei, maar ook in termen van organisatorische transformatie en ontwikkeling van medewerkers. Om dit doel te bereiken, worden de leden van het Directiecomité zowel geëvalueerd op basis van het behalen van de financiële doelstellingen, als op basis van doelstellingen die betrekking hebben op de ontwikkeling van medewerkers.

De structuur van het loonpakket voor het Directiecomité is gebaseerd op de volgende principes:

De basisbezoldiging van de leden van het Directiecomité wordt elk jaar door het Bezoldigings- en Benoemingscomité herzien. De aanpassingen, na goedkeuring door de Raad, gaan in op 1 januari van elk jaar. Als onderdeel van deze jaarlijkse oefening, neemt het Bezoldigings- en Benoemingscomité de volgende elementen in overweging:

  • de gemiddelde loonsverhoging in het land waar het lid is tewerkgesteld;
  • de marktpositionering van het loonpakket van het lid;
  • de verschillen in ervaring en senioriteit van elk lid;
  • veranderingen in de verantwoordelijkheden en de omvang van de functie van elk lid; en
  • de evaluatie van de individuele prestaties van het lid.

De korte termijn variabele verloning (of "Bonus") op doelniveau (of "Target") van de leden van het directiecomité bedraagt ten minste 50% van hun vaste basisbezoldiging. Het target percentage is afhankelijk van het niveau van de functie van elk lid. Een belangrijk deel van de bonus wordt gekoppeld aan de prestaties van de Groep en de divisies, en het bereiken van de

12 Vanaf 01/01/2018 wordt de vergoeding waarop Uwe Krüger recht heeft niet overgemaakt op zijn rekening, maar wordt het gelijkwaardige nettobedrag van 95.000,00 euro gedoneerd aan African Parcs Organisation.

vooropgestelde groeidoelstellingen. De aandeelhoudersvergadering heeft de Vennootschap gemachtigd om af te wijken van de vereisten met betrekking tot de variabele bezoldiging van artikel 520ter van het Wetboek van Vennootschappen, zoals vastgesteld in artikel 30 van de Statuten en zoals verderbeschreven in hoofdstuk 7 van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

De samenstelling van de bonus is als volgt:

  • 70% van de bonus (80% voor de CEO) wordt collectief bepaald aan de hand van financiële doelstellingen noodzakelijk voor het realiseren van het lange termijn plan en de groeiambities van de Vennootschap. Voor de General Managers van de divisies wordt deze 70% opgedeeld in 35% groeps- en 35% divisiedoelstellingen. In 2018 waren deze doelstellingen omzet, EBITDA en vrije kasstroom. De Raad van Bestuur legt deze doelstelling vast. De uitbetaling van dit deel van de bonus is gebaseerd op het al dan niet realiseren van deze collectieve doelstellingen. Indien de realisatie van deze doelstellingen lager is dan 90% van de vooropgestelde targets, wordt er geen bonus uitgekeerd. De maximale uitbetaling op basis van financiële doelstellingen bedraagt 150%.
  • 30% van de bonus of (20% voor de CEO) wordt individueel bepaald aan de hand van individuele zakelijke doelstellingen, alsook persoonlijke doelstellingen en doelstellingen die betrekking hebben op de ontwikkeling van medewerkers. Aan het begin van elk prestatiejaar worden deze door elk lid van het Directiecomité vastgelegd na overleg met de CEO en de Voorzitter van de Raad. De doelstellingen van de CEO worden overeengekomen met de Voorzitter van de Raad. Dit deel van de bonus wordt berekend op basis van de evaluatie van de prestaties van elk lid van het Directiecomité op het einde van het jaar. De prestatiescores worden aanbevolen door de CEO en goedgekeurd door de Raad, op aanbevelen van het Bezoldigings- en Benoemingscomité, en wordt goedgekeurd door de Raad. De uitbetaling van dit deel van de bonus bedraagt eveneens maximaal 150%.

8.3. Vaste en korte termijn variabele bezoldiging in 2018 van de CEO

  • Vaste basisbezoldiging: 937.427 €.
  • 2018 korte termijn variabele bezoldiging (betaald in 2019): 656.199 €.
  • Totaal van de overage componenten van de bezoldiging (medische verzekering, bedrijfswagen): 52.017 €.

Er zijn geen bijdragen voor pensioen of andere componenten van bezoldiging in de betekenis van Artikel 96, §3, 6°, c) en d) van het Wetboek van Vennootschappen, behalve zoals beschreven in hoofdstuk 8.5., 8.6., en 8.7. van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

De beoordeling van de prestaties is gebaseerd op geauditeerde resultaten en de evaluatie door de Raad van de individuele prestaties van de CEO. Er is geen spreiding in de tijd voor de bonus noch een terugvorderingsrecht indien deze bonus uitbetaald zou zijn op basis van onjuiste financiële gegevens. De stijging van 2018 ten opzichte van 2017 is het gevolg van een loonsverhoging van 2.4% en een hogere uitbetaling van de korte termijn variabele remuneratie.

8.4. Vaste en korte termijn variabele vergoeding in 2018 van de overige leden van het Directiecomité (totale kost)

  • Totaal van de vaste basisbezoldigingen: 4.743.935 €
  • Totaal van de 2018 korte termijn variabele bezoldiging (betaald in 2019): 1.945.098 €.
  • Totaal van de bijdragen voor pensioen (in een vaste bijdrageregeling) en bijdragen voor levensverzekering: 567.085 €.
  • Totaal van de overage componenten van de bezoldiging (medische verzekering, bedrijfswagen, enz.): 274.598 €.

Daarnaast genieten de leden van het Directiecomité van de D&O Polis, beschreven in hoofdstuk 8.6. van dit Corporate Governance Statement.

De beoordeling van de prestaties is gebaseerd op geauditeerde resultaten en de aanbeveling van de CEO betreffende de evaluatie van de individuele prestaties van de leden van het Directiecomité. Er is geen spreiding in de tijd voor de bonus noch een terugvorderingsrecht indien deze bonus uitbetaald zou zijn op basis van onjuiste financiële gegevens. De cijfers zijn gebaseerd op de effectief uitbetaalde vergoedingen, rekening houdend met de datum van indiensttreding bij de Vennootschap. De stijging van 2018 ten opzichte van 2017 is het gevolg van een loonsverhoging en een hogere uitbetaling van de korte termijn variabele remuneratie.

8.5. 2018 Lange Termijn Incentives

Op aanbeveling van de Raad van Bestuur werd een nieuw LTIP-plan goedgekeurd op de jaarlijkse algemene aandeelhoudersvergadering op 25 mei 2018. Het nieuwe LTIP werd goedgekeurd voor een periode van 5 jaar, te beginnen in 2019. Onder het nieuwe plan, zal prestatieaandelen worden geïntroduceerd als een derde op aandelen gebaseerd instrument, naast restricted stock-units en aandelenopties. De prestatieaandelen worden onvoorwaardelijk na 3 jaar, afhankelijk van de prestatie ten opzichte van prestatiedoelstellingen. De prestatiemaatstaven en doelen worden door de raad van bestuur voor elke LTIP-toekenning vastgesteld. Voor de toekenning van 2019 zullen deze prestatiemaatstaven de omzet, de EBITDA en de winst per aandeel omvatten.

In 2018 implementeerde de Vennootschap de LTIP 2018, dewelke bestaat uit een combinatie van aandelenopties en RSU's.

Een RSU is het recht om per verworven RSU één aandeel in de Vennootschap gratis te verkrijgen. De RSU's worden verworven na ten minste drie jaar volgend op de toekenningsdatum.

Een aandelenoptie geeft het recht om per verworven optie één aandeel in de Vennootschap tegen een vooraf vastgestelde uitoefenprijs te kopen van de Vennootschap en gedurende een vooraf vastgestelde looptijd. De aandelenopties kunnen pas uitgeoefend worden na ten minste drie jaar volgend op de toekenningsdatum, in overeenstemming met het principe vervat in artikel 520ter van het Wetboek van Vennootschappen.

Het verwerven van de aandelenopties en RSU's is onderworpen aan bepaalde voorwaarden, zoals de vereiste dat de deelnemer in dienst blijft tot op de verwervingsdatum. De koers van het aandeel tussen de toekenningsdatum en de verwervingsdatum of de uitoefendatum is vastgesteld als de relevante prestatie-indicator en het verwerven van de LTIP 2018 hangt bijgevolg niet af van bijkomende specifieke prestatiegerelateerde voorwaarden.

Het aantal toegekende RSU's en aandelenopties per lid van het Directiecomité voor 2018 alsook het totaal aantal uitstaande opties en RSU's voor de LTIP kan als volgt worden samengevat:

Naam # RSU's Aandelenopties
Toegekend in
2018
Gevestigd in
2018
Toegekend in
2018
Gevestigd in
2018
Charles Bouaziz 14.921 6.884 75.114 28.661
Philippe Agostini 3.553 1.027 17.887 4.275
Özgür Akyildiz 3.908 1.502 19.676 6.251
Armando Amselem 4.607 0 23.193 0
Laurent Bonnard 3.516 1.026 17.701 4.271
Astrid De Lathauwer 3.862 962 19.441 4.007
Annick De Poorter 3.562 740 17.931 3.081
Martin Gärtner 2.719 782 13.688 3.257
Xavier Lambrecht 3.901 1.134 19.638 4.720
Thierry Navarre 7.643 2.455 38.475 10.219
Oriane Perreaux 2.688 726 13.533 3.021
Jacques Purnode 0 2.869 0 11.943
Mauricio Troncoso 4.762 2.627 23.974 0
Thierry Viale 2.757 993 13.879 4.135

8.6. D&O Polis

Ontex Group NV heeft een verzekeringspolis afgesloten voor bestuurders en functionarissen (de "D&O Polis") die vorderingen dekt die ingesteld zouden kunnen worden tegen verzekerde personen, behoudens bepaalde uitzonderingen. Verzekerde personen zijn, onder andere, natuurlijke personen die kwaliciferen als (i) bestuurders of functionaris of (ii) werknemer die in een leidinggevende of toezichthoudende hoedanigheid van Ontex Group NV en/of van één van haar dochterondernemingen handelt.

8.7. Vertrekvergoedingen

Charles Bouaziz, Artipa BVBA (Thierry Navarre) en Cepholli BVBA (Jacques Purnode) kunnen aanspraak maken op een opzeggingsvergoeding die overeenstemt met 12 (3 voor Cepholli BVBA) maanden vaste remuneratie plus bonus en een nietconcurrentie- (en/of additionele beëndingings-) vergoeding tot 12 maanden vaste remuneratie.

De andere leden van het Directiecomité hebben verschillende contractuele beëindigingsbepalingen die afhangen van hun persoonlijke situatie en (zo van toepassing) locatie van tewerkstelling, waarbij de contractuele vertrekvergoedingen evenwel (contractueel) worden gelimiteerd op binnen de grenzen van artikel 554 van het Wetboek van Vennootschappen. De maximale vergoeding uit de combinatie van het contractueel niet-concurrentiebeding en de van toepassing zijnde contractuele beëindigingsvergoeding(en) bedraagt 18 maanden. Bijgevolg zijn alle contractuele beëindingsbepalingen, zoals in de tabel onder gespecifieerd, in lijn met de Belgische Corporate Governance bepalingen.

Naam Contractuele
opzegbepaling
Contractuele niet
concurrentie en/of
bijkomende
opzegvergoeding
Astrid De Lathauwer, Laurent Bonnard, Marex BVBA (Xavier
Lambrecht), Oriane Perreaux, Philippe Agostini, Thierry Viale,
Mauricio Troncoso, Özgür Akyildiz
3 maanden 12 maanden
Annick De Poorter 3 maanden 15 maanden
Martin Gärtner 12 maanden 6 maanden
Armando Amselem 90 kalenderdagen 9 maanden

Op advies van het Remuneratie- en Benoemingscomité heeft de Raad van Bestuur een vertrekvergoeding voor Mauricio Troncoso goedgekeurd die iets hoger is dan 12 maanden basis- en variabele vergoeding. De Raad is van mening dat een dergelijk ontslagpakket gerechtvaardigd en aanvaardbaar is, gezien de positie van de heer Troncoso, het belang van een juiste overgang van zijn taken en het belang van bescherming van de belangen van het bedrijf door de niet-concurrentiebeding te handhaven.

8.8. Informatie over het remuneratiebeleid in de komende twee jaar

In het kader van de uitgebreide beoordeling van de activiteiten dat de Vennootschap momenteel voert, zal een prestatiegericht variabel beloningsstelsel worden uitgerold.

9. RISICO MANAGEMENT EN INTERNE CONTROLEMECHANISMEN

9.1. Inleiding

De Ontex Groep voert een system voor risicobeheer en -controle uit in overeenstemming met het Wetboek van Vennootschappen en de Corporate Governance Code.

De Ontex Groep wordt in het kader van haar bedrijfsactiviteiten blootgesteld aan een brede waaier van risico's die de bedrijfsdoelstellingen kunnen bëinvloeden of ertoe leiden dat de bedrijfsdoelstellingen niet bereikt worden. Deze risico's beheren is een belangrijke taak van de Raad (met inbegrip van het Audit- en Risicocomité), het Directiecomité en alle andere medewerkers met leidinggevende verantwoordelijkheden.

Het risicobeheer- en controlesysteem is ontworpen om de volgende doelstellingen te bereiken:

  • Het realiseren van doelstellingen van de Ontex Groep;
  • Het realiseren van operationele efficiëntie;
  • Het verzekeren van correcte en stipte financiële verslaggeving; en
  • Het naleven van de toepasselijke wetten en richtlijnen.

9.2. Controle-omgeving

9.2.1. Drie verdedigingslinies

De Ontex Groep past het model van de drie verdedigingslinies ('three lines of defense') toe om binnen het gebied van risico en controle de rollen, verantwoordelijkheden en toerekenbaarheid te verduidelijken en om de communicatie hieromtrent te optimaliseren. Het 'drie verdedigingslinies' model omvat volgende linies ter verdediging tegen risico's:

  • De eerste verdegingslinie: in eerste instantie is het lijnmanagement verantwoordelijk om de dagdagelijkse risico's te beoordelen en om er voor te zorgen dat voldoende controles geïmplemnteerd worden om deze risico's af te dekken.
  • De tweede verdedigingslinie:toezichtsfuncties zoals de financiële afdeling, de kwaliteitsafdeling, compliance, fiscale en de juridische afdeling houden toezicht op en bekijken het risicobeheer uitgevoerd door de eerste verdedigingslinie op kritische wijze. De actoren van de tweede verdedigingslinie zetten ook de algemene lijnen uit en werken het risicobeheer- en controlesysteem uit.
  • De derde verdegingslinie: onafhankelijke zekerheidsverschaffers zoals interne en externe audit beoordelen het risicobeheerproces zoals uitgevoerd door de eerste en tweede verdedingslinie.

9.2.2. Beleid, procedures en processen

De Ontex Groep promoot een omgeving waarin haar doelstellingen en strategie in een gecontroleerde manier nagestreefd worden. Deze omgeving wordt gecreëerd door de implementatie in het gehele bedrijf van beleidslijnen, procedures en processen zoals de Ontex waarden, de Ontex Gedragscode, het Anti-Omkoop Beleid, het Mededingingsbeleid, het Kwaliteitsmanagementsysteem en de Delegatie van Autoriteiten principes. Het Directiecomité staat volledig achter deze initiatieven. De werknemers worden op regelmatige basis geïnformeerd en getraind in deze materie om zo een voldoende hoog niveau van risicobeheer en -controle te kunnen garanderen op alle bedrijfsniveaus.

9.2.3. Groepswijde ERP systeem

De belangrijke groepsentiteiten werken op hetzelfde groepswijde ERP systeem, dat centraal wordt beheerd. Dit systeem bevat de rollen en verantwoordelijkheden gedefinieerd op het niveau van de Ontex groep. Door middel van dit systeem worden de belangrijkste stromen gestandaardiseerd en de belangrijkste controles afgedwongen. Het systeem maakt ook gedetailleerde monitoring van activiteiten en directe toegang tot de gegevens mogelijk.

9.3. Risicobeheer

Doeltreffend risicobeheer begint met het identificeren en beoordelen van de risico's verbonden met de bedrijfsvoering van de Vennootschap en externe factoren. Eenmaal de relevante risico's zijn geïdentificeerd, streeft de Vennootschap ernaar om zulke risico's met de nodige voorzichtigheid te beheren en te minimaliseren, erkentelijk voor het feit dat bepaalde berekende risico's nodig zijn om te verzekeren dat de Ontex Groep zijn doelstellingen blijft behalen en waarde blijft creëren voor haar belanghebbenden.

Alle werknemers van de Ontex Groep zijn verantwoordelijk voor de tijdige identificatie en kwalitatieve beoordeling van de risico's binnen zijn of haar verantwoordelijkheidsgebied.

De Ontex Groep heeft zijn belangrijkste bedrijfsrisico's geïdentificeerd en geanalyseerd zoals gedocumenteerd in het Strategisch Rapport in dit jaarverslag. Deze bedrijfsrisico's worden doorgegeven aan de verschillende managementniveaus.

9.4. Controleactiviteiten

Er zijn controlemaatregelen van kracht om het effect van de risico's op het vermogen van de Ontex Groep om zijn doelstellingen te behalen tot een minimum te beperken. Deze controleactiviteiten zijn ingebed in de belangrijkste bedrijfsprocessen en – systemen van de Ontex Groep, om te kunnen garanderen dat de respons op risico's en de algemene doelstellingen van de Ontex Groep zoals vooropgesteld worden uitgevoerd. Op alle niveaus en binnen alle afdelingen van het bedrijf worden controles georganiseerd. In 2016 werd een Interne Controle Manager aangesteld om de verdere ontwikkelingen van de controle activiteiten op een gestructureerde manier te vergemakkelijken.

Naast deze controleactiviteiten wordt er een verzekeringsprogramma toegepast voor bepaalde risicocategorieën die niet geabsorbeerd kunnen worden zonder een aanzienlijk effect op de balans van de Vennootschap.

9.5. Informatie en communicatie

De Ontex Groep erkent het belang van tijdige, complete en juiste communicatie en informatie zowel top-down als bottom-up. De Ontex Groep heeft daarom een aantal maatregelen in voege om onder andere:

  • De vertrouwelijkheid van informatie te waarborgen;
  • Duidelijke communicatie over bevoegdheden en verantwoordelijkheden; en
  • Belanghebbenden tijdig op de hoogte te brengen van externe en interne veranderingen die een invloed hebben op hun verantwoordelijkheidsgebied.

9.6. Monitoring van controlemechanismen

Monitoring mechanismen zorgen er voor dat de interne controles efficiënt blijven werken.

De kwaliteit van het systeem voor risicobeheer en –controle van Ontex Groep wordt geëvalueerd door de volgende actoren:

  • Interne Audit. De taken en verantwoordelijkheden die toegewezen worden aan Interne Audit, worden bepaald in het Internal Audit Charter, dat goedgekeurd werd door het Audit- en Risicocomité. De belangrijkste taak van de Interne Audit afdeling zoals gedefinieerd in het Internal Audit Charter is "de organisatie een toegevoegde waarde bieden door op een gedisciplineerde en systematische manier het interne controlemechanisme te evalueren en aanbevelingen te maken om dit mechanisme te verbeteren".
  • Externe Audit. In de context van zijn controle van de jaarrekening, concentreert de commissaris zich op het ontwerp en de doeltreffendheid van interne controles en systemen relevant voor de voorbereiding van de jaarrekening. Het resultaat van de audits, met inbegrip van werk op interne controles, wordt gerapporteerd aan het Audit- en Risicocomité en gedeeld met Interne Audit.

Het Audit- en Risicocomité. De Raad en het Audit- en Risicocomité dragen de eindverantwoordelijkheid voor interne controle en risicobeheer. Voor meer gedetailleerde informatie over de samenstelling en werking van het Audit- en Risicocomité wordt er verwezen naar hoofdstuk 3.5. van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.

9.7. Risicobeheer en interne controle met betrekking tot het proces van financiële rapportering

De Finance en Accounting Manual zorgt voor een nauwkeurige en consistente toepassing van de boekhoudregels binnen de Ontex Groep.

Op kwartaalbasis wordt er een bottom-up risico analyse uitgevoerd om de huidige risicofactoren te identificeren. Actieplannen worden gedefinieerd voor alle belangrijke risico's. Specifieke identificatieprocedures voor financiële risico's zijn van kracht met als doel de volledigheid van de financiële voorzieningen te garanderen.

De accounting teams zijn verantwoordelijk voor het aanleveren van de financiële cijfers, terwijl de controleteams de correctheid van deze cijfers controleren. Deze controles omvatten coherentietests door vergelijkingen met historische en budgetcijfers, evenals steekproeven van transacties op basis van de materialiteit ervan.

Er zijn specifieke interne controleactiviteiten met betrekking tot financiële rapportering in voege, waaronder het gebruik van een periodieke sluitings- en rapporteringscontrolelijst. Deze controlelijst zorgt voor een duidelijke communicatie van tijdslijnen, garandeert de volledigheid van taken en staat in voor een correcte toewijzing van verantwoordelijkheden.

De uniforme rapportering van financiële informatie doorheen de Ontex Groep zorgt voor een consistente informatiestroom. Hierdoor kunnen mogelijke anomalieën geïdentificeerd worden. Het groepswijde ERP systeem en functionaliteiten voor het beheer van informatie staan het centrale controlling team toe om rechtstreeks toegang te hebben tot uitgesplitste financiële en niet-financiële informatie.

In samenspraak met de Raad en het Directiecomité wordt er een externe financiële agenda opgesteld. Deze agenda wordt openbaar gemaakt aan de externe belanghebbenden. Met deze externe financiële rapportering wil de Ontex Groep zijn belanghebbenden de informatie bieden die zij nodig hebben om doordachte beslissingen te kunnen nemen. De financiële kalender kan geraadpleegd worden op http://www.ontexglobal.com/calendar.

De onderstaande tabel bevat onze belangrijkste risico's.

De Vennootschap beschouwt dit als als de belangrijkste risico's waarmee de Groep wordt geconfronteerd en kan een vloed hebben op het behalen van onze strategische drivers zoals uiteengezet op pagina's 12. Ze omvatten alle risico's verbonden aan ons bedrijf en zijn niet beschreven in volgorde van prioriteit.

Risico Beschrijving Risico Belangrijkste Potentiële impact
Competitief milieu Alle divisies worden geconfronteerd met
concurrentie van merkfabrikanten en
fabrikanten van retailermerken. We hebben
ook te maken met concurrentie en
concurrerende fabrikanten op het gebied van
productie-innovatie. Snelle time-to-market is
de sleutel tot ons concurrentievermogen.
Het feit dat we er niet in slagen om onze
waardevoorstel te leveren en/of ons aan te
passen aan de behoeften van de klant, zou
onze prestaties kunnen beïnvloeden en zou
prijs- en volumedruk kunnen veroorzaken,
verlies van marktaandeel of marge-erosie.
Reputatie en stakeholder
management
Als beursgenoteerd bedrijf heeft Ontex
belanghebbenden met verschillende
behoeften. Ontex is onderworpen aan hoge
transparantienormen en periodieke
rapportageverplichtingen. Ontex kan
onderhevig zijn aan negatieve publiciteit
Dergelijke ongunstige publiciteit kan een
negatief effect hebben op onze reputatie en
indirect op onze zakelijke en financiële
siutatie.
Product kwaliteit en
veiligheid
Onze reputatie als zakelijke partner is sterk
afhankelijk van ons vermogen om
kwaliteitsproducten te leveren.
In het geval van kwaliteitsproducten kan dit
leiden tot nadelige effecten op de gezondheid
van de consument, verlies van marktaandeel,
financiële kosten en omzetderving en op de
reputatie van het bedrijf.
Intellectuele eigendom Hoewel we wijzigingen in intellectuele
eigendomsrechten controleren, kunnen we
onbedoeld de intellectuele eigendomsrechten
van anderen schenden. Ten tweede kan het
bedrijf nalaten om intellectuele
eigendomsrechten tijdig te registeren.
Een mogelijk gevolg daarvan zijn juridische
claims of de verplichting om royalties te
betalen, die onze winstmarges kunnen
aantasten.
Productie en logistiek Ons vermogen om onze klanten van dienst te
zijn, afhankelijk van de werking van onze 19
productievestigingen. We kunnen
verstoringen van onze productiefaciliteiten
ervaren of in extreme gevallen kunnen onze
productiefaciliteiten worden gesloten.
Dergelijke tijdelijke tekorten in de productie
kunnen van invloed zijn op onze on-time
levering, wat op zijn beurt een negatieve
invloed kan hebben op ons vermogen om
nieuwe klanten aan te trekken en bestaande
klanten te behouden.
Sourcing en supply
chain
We zijn afhankelijk van de beschikbaarheid
van grondstoffen voor de vervaardiging van
onze producten. De gemiddelde belangrijkste
raw materialen en verpakkingskosten zijn
goed voor 75% en 80% van onze
verkoopkosten. Onze grondstoffen zijn
onderhevig aan prijsvolatiliteit als gevolg van
een aantal factoren dat buiten onze controle
valt, inclusief maar niet beperkt tot, de
beschikbaarheid van levering, algemeen
economische omstandigheden,
schommelingen van de grondstoffenprijzen
en marktvraag.
De prijsvolatiliteit van de onderliggende
grondstoffen kan de kosten en
beschikbaarheid van onze producten
beïnvloeden. Het is onzeker of deze kosten
kunnen worden doorgerekend aan de klant
en consument.
Risico Beschrijving Risico Belangrijkste Potentiële impact
Overnames Van tijd tot tijd evalueren we mogelijke
overnames die onze bestaande activiteiten
aanvullen en mogelijk maken om onze zaak
te laten groeien. Het succes van een
overname hangt af van ons vermogen om
overgenomen bedrijven effectief te
integreren. De integratie van overgenomen
bedrijven kan complex en duur zijn en kan
een aantal risico's en uitdagingen bevatten.
Bovendien kan er geen garantie zijn dat we
een of alle van de verwachte voordelen van
toekomstige overnames zullen realiseren,
inclusief de verwachte kansen voor
bedrijfsgroei, opbrengsten, kostensynergiën
en andere operationele efficiënties.
Indien we de doelstellingen van de overname
niet zouden kunnen realiseren, kan de
integratie leiden tot exta onvoorziene
moeilijkheden of aansprakelijkheden, het niet
nakomen van financiële doelen en interne
disrupties.
Informatietechnologie,
gegevensbeveiliging en
cyberaanval
We zijn steeds meer afhankelijk van IT
systemen en informatie management om
onze onderneming te leiden. Er bestaat een
risico op verstoring van onze IT-systemen en
dat gevoelige gegevens mogelijks
gecompromitteerd worden door
kwaadwillende cyberaanvallen of technologie
mislukking.
Een disruptie van onze IT-systemen kan
zowel onze verkoop, productie en
kasstromen, als uiteindelijk ons resultaat
beïnvloeden. Ongeautoriseerde toegang en
misbruik van gevoelige informatie kan leiden
tot onderbreking, verlies van activa en kan
ook een negatieve impact op onze reputatie
tot gevolg hebben.
Naleving van wetgeving Ontex is onderworpen aan de toepasselijke
wet- en regelgeving in de wereldwijde
jurisdicties waarin het opereert.
Niet-naleving van wetten en voorschriften zou
ons kunnen blootstellen aan civiele en/of
criminele acties en wijzigingen in wet- en
regelgeving kunnen de kosten van onze
activiteit verhogen.
Economische en
politieke
onbestendigheid
Ontex opereert over de hele wereld en is
bijgevolg onderhevig aan risico's die
samenhangen met internationaal opereren.
Recente en aanhoudende instabiliteit in
sommige van de landen waarin wij actief zijn,
kan een negatieve invloed hebben op onze
activiteiten, inclusief maar niet beperkt tot de
Brexit.
Dergelijke omstandigheden of instabiliteit, en
onze inspanningen om de Vennootschap om
zich daaraan aan te passen, kunnen onze
activiteiten en uitgaven beïnvloeden en een
negatieve impact hebben op commercieel en
financieel vlak.
Werving en behoud Goed geschoold personeel en een flexibele
organisatie zijn essentieel voor het
aanhoudende succes van ons bedrijf. Nalaten
om te identificeren, aantrekken, ontwikkelen
en behouden van talenten om te voldoen aan
de huidige en toekomstige behoeften van het
bedrijf kunnen van invloed zijn op ons
vermogen om te concurreren en effectief te
groeien.
In geval van niet-werving en behoud van
voldoende personeel kan dit resulteren in een
daling van de bedrijfsprestaties.
Financieel Zoals beschreven in paragraaf 7.4 van de
jaarrekening. De activiteiten van de groep
brengen een reeks financiële risico's met zich
mee inclusief valutarisico en prijsrisico
krediet- en liquiditeitsrisico evenals
wanbetaling door tegenpartijen.
Deze risico's kunnen een wezenlijk nadelig
effect hebben op de Vennootschap, haar
financiële toestand en de bedrijfsresultaten.
Beroepsgezondheid en
veiligheid
Aangezien Ontex wereldwijd actief is, kan het
mogelijk niet voorzien in de persoonlijke
veiligheid van werknemers in de productie en
andere faciliteiten en tijdens reizen naar hoge
risicolocaties.
Reputatieschade en moeilijkheden om
mensen aan te nemen.
Klimaatverandering Ontex is onderworpen aan de toepasselijke
wet- en regelgeving in de wereldwijde
jurisdicties waarin het opereert.
Klimaatverandering blijft een focus voor
werkende overheidswetgevers binnen de
duurzaamheidsagenda.
De wijziging van de wetgeving rond klimaat
(bijv. de introductie van een carbon belasting)
kan ertoe leiden dat onze producten minder
betaalbaar worden of minder beschikbaar wat
kan resulteren in verminderde groei en
winstgevendheid.

GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

VOOR DE BOEKJAREN AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 2018 EN 2017

INHOUD

VERKLARING VAN DE RAAD VAN BESTUUR 82
VERSLAG VAN DE COMMISSARIS 83
1. ALGEMENE INFORMATIE 87
1.1. Bedrijfsinformatie 87
1.2. Bedrijfsactiviteiten 87
1.3. Geschiedenis van de Groep 87
1.4. Juridisch statuut 87
2. GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 88
3. GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING VOOR DE BOEKJAREN AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 89
4. GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN HET TOTAALRESULTAAT VOOR DE BOEKJAREN AFGESLOTEN
OP 31 DECEMBER
90
5. GECONSOLIDEERD MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN VOOR DE
BOEKJAREN AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER
91
6. GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT VOOR DE BOEKJAREN AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 93
7. TOELICHTINGEN BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING 94
7.1. Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor financiële verslaggeving 94
7.2. Alternatieve performantie-indicatoren 106
7.3. Kapitaalbeheer 108
7.4. Kritische boekhoudkundige inschattingen en beoordelingen 108
7.5. Financiële instrumenten en financieel risicobeheer 110
7.6. Operationele segmenten 116
7.7. Lijst van geconsolideerde ondernemingen 118
7.8. Bedrijfscombinaties 121
7.9. Goodwill en immateriële activa 122
7.10. Materiële vaste activa 125
7.11. Voorraden 126
7.12. Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen 126
7.13. Geldmiddelen en kasequivalenten 128
7.14. Kapitaal 128
7.15. Winst per aandeel 129
7.16. Rentedragende leningen 130
7.17. Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen 133
7.18. Uitgestelde belastingen en actuele belastingen 137
7.19. Kortlopende en langlopende verplichtingen 138
7.20. Voorzieningen 138
7.21. Kosten met betrekking tot personeelsbeloningen 138
7.22. Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten), netto 139
7.23. Niet-recurrente opbrengsten en kosten 139
7.24. Kosten volgens aard 140
7.25. Netto financiële kosten 141
7.26. Winstbelastingen 142
7.27. Op aandelen gebaseerde betalingen 142
7.28. Voorwaardelijke verplichtingen 144
7.29. Verbintenissen 144
7.30. Transacties met verbonden partijen 144
7.31. Gebeurtenissen na balansdatum 146
7.32. Honoraria verbonden aan de commissaris 146

VERKLARING VAN DE RAAD VAN BESTUUR

De Raad van Bestuur van Ontex Group NV verklaart in naam en voor rekening van Ontex Group NV, dat, voor zover hen bekend,

  • de geconsolideerde financiële staten, die zijn opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS") zoals goedgekeurd door de Europese Unie, een getrouw beeld geven van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van Ontex Group NV en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen.
  • het jaarverslag een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van de activiteiten en de positie van Ontex Group NV en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsook een beschrijving van de belangrijkste risico's en onzekerheden waaraan ze blootgesteld zijn uit hoofde van de vereiste informatie van artikel 12, §2 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.

De bedragen in dit document worden weergegeven in EUR miljoen (miljoen €) tenzij anders vermeld.

Als gevolg van afrondingen kunnen de cijfers gerapporteerd in deze Geconsolideerde Jaarrekening niet exact optellen tot de totalen die zijn weergegeven en kunnen de percentages afwijken van de absolute cijfers.

VERSLAG VAN DE COMMISSARIS

VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING VAN AANDEELHOUDERS VAN DE VENNOOTSCHAP ONTEX GROUP NV OVER DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING VOOR HET BOEKJAAR AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 2018

In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV (de "Vennootschap") en haar filialen (samen "de Groep", "Ontex"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening alsook de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt één geheel en is ondeelbaar.

Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 24 mei 2017, overeenkomstig het voorstel van de raad van bestuur uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2019. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV uitgevoerd gedurende 5 opeenvolgende boekjaren.

VERSLAG OVER DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

Oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2018 omvat, alsook de geconsolideerde resultatenrekening, het geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum, en de toelichting met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. Deze geconsolideerde jaarrekening vertoont een totaal van de geconsolideerde balans van EUR 2.789,6 miljoen en de geconsolideerde resultatenrekening sluit af met een winst van het boekjaar van EUR 97,0 miljoen.

Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de geconsolideerde financiële toestand van de Groep per 31 december 2018, alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.

Basis voor ons oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de internationale controlestandaarden zoals door de IAASB van toepassing verklaard op de boekjaren afgesloten vanaf 31 december 2018 en nog niet goedgekeurd op nationaal niveau toegepast. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.

Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

KERNPUNTEN VAN DE CONTROLE

Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.

1. Bijzondere waardevermindering van goodwill

Beschrijving van het kernpunt van de controle

Ontex heeft in de balans een aanzienlijke waarde aan goodwill voor een bedrag van EUR 1.165,2 miljoen, zoals in toelichting 7.9 gedetailleerd is. In toepassing van International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie, ("IFRSs") is de Vennootschap verplicht om het bedrag aan goodwill minstens jaarlijks op bijzondere waardevermindering te toetsen. Dit aspect beschouwen we als een kernpunt van de controle omdat het inschatten van een bijzondere waardevermindering een complexe materie is en onvermijdelijk een belangrijke mate van beoordeling vereist voor wat betreft veronderstellingen die gehanteerd worden inzake de toekomstige bedrijfsresultaten en de disconteringsvoeten die op prognoses van toekomstige kasstromen toegepast worden. De belangrijkste veronderstellingen houden verband met de disconteringsvoet, de groeipercentages van de omzet en de operationele marge. We hebben bijzondere aandacht besteed aan de goodwill, de immateriële activa en de materiële vaste activa van de kasstroom-genererende eenheid (hierna "KGE" genoemd) Americas omdat de marge tussen de bedrijfswaarde van deze KGE en de boekwaarde ervan, vergeleken met de marge in de overige KGE's, aanzienlijk kleiner was.

Hoe dit kernpunt in het kader van onze controle werd benaderd

We zijn nagegaan of de toetsing van goodwill op bijzondere waardevermindering plaatsvond op het laagste KGE-niveau waarop de goodwill wordt opgevolgd. We hebben zowel de kasstroomprojecties die in de toetsingen op bijzondere waardevermindering gebruikt zijn als de wijze waarop deze opgemaakt zijn aan een kritische evaluatie onderworpen. We hebben vastgesteld dat de geprojecteerde kasstromen voor 2018 overeenstemden met de door de Raad van Bestuur goedgekeurde budgetten, die door de Bestuurders onderworpen werden aan tijdige controle en kritische evaluatie. Voorts hebben we de historische accuraatheid van de door het management gemaakte schattingen en de door het management uitgevoerde evaluatie van budgetten aan een kritische beoordeling onderworpen door de prognose van het voorgaande boekjaar te vergelijken met de effectieve resultaten van de Groep. Voor de kasstromen na 2018 hebben we de voor de lange termijn groei gehanteerde veronderstellingen aan een kritische beoordeling onderworpen en gecontroleerd door deze te vergelijken met sectorspecifieke prognoses en in het verleden opgetekende groeipercentages. We hebben de gewogen gemiddelde kostprijs van het kapitaal ("WACC") vergeleken met de kostprijs van kapitaal en schuld van de Groep en van vergelijkbare ondernemingen, waarbij we ook rekening gehouden hebben met factoren die eigen zijn aan specifieke geografische gebieden. We hebben de gebruikte berekeningsmethode en de accuraatheid ervan getest. De operationele marge, de werkkapitaalratio en de investeringsratio hebben we vergeleken met de in het verleden opgetekende effectieve cijfers. We hebben kritische vragen gesteld bij de toereikendheid van de door het management uitgevoerde sensitiviteitsanalyse van de marge tussen de bedrijfswaarde van de KGE en de boekwaarde ervan. Voor alle KGE's hebben we berekend in welke mate de veronderstellingen zouden moeten veranderen voordat men een bijzondere waardevermindering zou vaststellen. We hebben met het management besproken in hoeverre het waarschijnlijk is dat zulk een wijziging zich zal voordoen. Voor de uitvoering van deze werkzaamheden hebben we ons team versterkt met waarderingsspecialisten. We hebben eveneens de toereikendheid van de informatieverschaffing (toelichting 7.9 en toelichting 7.4.3) in de jaarrekening gecontroleerd.

Onze resultaten

Op basis van de sensitiviteitsanalyse die we uitgevoerd hebben, achten we het niet waarschijnlijk dat zich wijzigingen zullen voordoen die tot bijzondere waardeverminderingsverliezen zouden leiden.

2. Waardering van uitgestelde belastingen en opname van uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen fiscale verliezen

Beschrijving van het kernpunt van de controle

Ontex heeft een uitgestelde belastingvorderingen en een uitgestelde belastingverplichtingen van respectievelijk EUR 26,5 miljoen en EUR 49,8 miljoen opgenomen. Een uitgestelde-belastingvorderingspositie van EUR 86,7 miljoen werd niet opgenomen, zoals in toelichting 7.18 vermeld. Erkenning van uitgestelde belastingvorderingen op voorheen niet-opgenomen fiscale verliezen, had een positieve impact op de winstbelastingen van het boekjaar ten belope van EUR 8,5 miljoen, zoals in toelichting 7.26 vermeld.

De waardering van uitgestelde-belastingposities bij Ontex ging gepaard met een hoge mate van beoordeling, in het bijzonder wat betreft de bepaling van de opname van belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen fiscale verliezen. Ook bij het bepalen van de toekomstige belastbare basis en bij het bepalen van de impact van fiscale wetgeving en reglementering, fiscale planning, voorafgaande beslissingen en de bepaling van verrekenprijzen speelt de beoordeling door het management een zeer belangrijke rol. Om alle voorgaande redenen beschouwen we dit punt als een kernpunt van de controle.

Hoe dit kernpunt in het kader van onze controle werd benaderd

We hebben kritische vragen gesteld bij de veronderstellingen die gehanteerd zijn voor het bepalen van de realiseerbaarheid van belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen fiscale verliezen. In de uitvoering van onze controlewerkzaamheden hebben we ons gebaseerd op onder meer budgetten, prognoses en fiscale wetgeving; daarnaast hebben we de historische accuraatheid van de door het management gehanteerde veronderstellingen geëvalueerd. We hebben fiscale specialisten bij onze controle betrokken. Een belangrijke beoordeling vanwege het management betrof de periode waarover belastbare winsten op betrouwbare wijze kunnen worden geschat en bijgevolg worden geen belastingvorderingen opgenomen voor fiscale verliezen waarvan management verwacht dat deze pas in latere periodes zullen worden benut. We hebben geverifieerd dat de uitgestelde-belastingpositie werd berekend aan de hand van het belastingtarief dat van kracht is voor het jaar waarin verwacht wordt dat de fiscale verliezen zullen worden aangewend.

We hebben ook de toereikendheid en volledigheid geëvalueerd van de informatie die de Vennootschap met betrekking tot uitgestelde belastingen verschaft in toelichting 7.4.1, toelichting 7.18 en toelichting 7.26.

Onze resultaten

We hebben vastgesteld dat de inschattingen die het management met betrekking tot de posities van de Groep inzake uitgestelde belastingen heeft gemaakt consistent zijn en bij onze verwachtingen aansluiten.

3. Verwerking van toe te rekenen verkoop- en aankoop gerelateerde kortingen

Beschrijving van het kernpunt van de controle

Handels- en volumekortingen met betrekking tot zowel verkopen als aankopen zijn onderhevig aan schattingen en beoordelingen van de impact van commerciële onderhandelingen die na jaareinde plaatsvinden. De impact van commerciële onderhandelingen is materieel en voor onze controle dus uitermate belangrijk. Ontex maakt een cijfermatige schatting van definitieve kortingen op basis van de informatie die beschikbaar is tot het moment van vaststelling van de jaarrekening. Verkoop gerelateerde tegemoetkomingen worden weergegeven als aftrek van opbrengsten. Aankoop gerelateerde kortingen worden geboekt als aftrek van de initiële aankoop.

Hoe dit kernpunt in het kader van onze controle werd benaderd

We hebben de kortingspercentages of forfaitaire betalingen aan onderliggende aankoop- en verkoopcontracten getoetst en we hebben de toe te rekenen korting herrekend en de geschatte impact van commerciële onderhandelingen, rekening houdend met de resultaten, kritisch geëvalueerd. We hebben ook een afloopcontrole uitgevoerd op de voorziene toe te rekenen kortingen per 31 december 2017. Voorts hebben we creditnota's en andere aanpassingen aan handelsvorderingen en handelsschulden na 31 december 2018 nagezien als onderdeel van onze werkzaamheden betreffende gebeurtenissen na balansdatum. Tot slot hebben we manuele journaalboekingen met betrekking tot kortingen gecontroleerd om te bevestigen dat voor deze boekingen voldoende onderbouw voorhanden is.

Onze resultaten

Op basis van onze werkzaamheden hebben we geen bevindingen die voor de jaarrekening als geheel significant zijn.

Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening

De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die de raad van bestuur noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.

Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is de raad van bestuur verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij de raad van bestuur het voornemen heeft om de Groep te ontbinden of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen, of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.

Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening

Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten; en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.

Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na dat van toepassing is op de controle van de jaarrekening in België.

Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:

  • het identificeren en inschatten van de risico's dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico's inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
  • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep;
  • het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door de raad van bestuur gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen;
  • het concluderen of de door de raad van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de Groep zijn continuïteit niet langer kan handhaven;
  • het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld;
  • het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de Groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.

Wij communiceren met de raad van bestuur en met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.

Wij verschaffen aan de raad van bestuur en aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.

Uit de aangelegenheden die met de raad van bestuur en het auditcomité zijn gecommuniceerd, bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.

OVERIGE DOOR WET- EN REGELGEVING GESTELDE EISEN

Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur

De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening.

Verantwoordelijkheden van de commissaris

In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm (Herzien in 2018) bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag van de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het geïntegreerd jaarverslag te verifiëren, en verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.

Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening

Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar, en is dit jaarverslag opgesteld overeenkomstig het artikel 119 van het Wetboek van vennootschappen.

In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen in de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het geïntegreerd jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevatten, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, hebben wij geen afwijking van materieel belang te melden.

De op grond van artikel 119, §2 van het Wetboek van vennootschappen vereiste niet-financiële informatie werd opgenomen in het geïntegreerd jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. De Vennootschap heeft zich bij het opstellen van deze nietfinanciële informatie gebaseerd op de normen van de Global Reporting Initiative (GRI) Standards met verwijzing naar de Sustainable Development Goals (SGD's). Overeenkomstig artikel 148, § 1, 5° van het Wetboek van vennootschapen spreken wij ons evenwel niet uit over de vraag of deze niet-financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met de vermelde normen van de Global Reporting Initiative (GRI) Standards met verwijzing naar de Sustainable Development Goals (SDG's).

Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid

  • Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep.
  • De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening bedoeld in artikel 134 van het Wetboek van vennootschappen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.

Andere vermeldingen

▪ Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.

Gent, 29 maart 2019

De commissaris PwC Bedrijfsrevisoren CVBA Vertegenwoordigd door

Peter Opsomer Bedrijfsrevisor

1. ALGEMENE INFORMATIE

1.1. BEDRIJFSINFORMATIE

De geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het jaar eindigend op 31 december 2018 werd goedgekeurd voor publicatie overeenkomstig het besluit van de Raad van Bestuur van 25 maart 2019.

1.2. BEDRIJFSACTIVITEITEN

Ontex is een toonaangevende fabrikant van persoonlijke hygiëne wegwerpproducten en oplossingen, van babyluiers tot producten voor dameshygiëne en incontinentie voor volwassenen. De innovatieve producten van Ontex worden verdeeld in meer dan 110 landen via eigen merken zoals BBTips, Biobaby, Pompom, Bigfral, Canbebe, Canped, ID en Serenity alsook via toonaangevende retailer merken. De groep is aanwezig in 21 landen en stelt 11.000 gepassioneerde mensen tewerk. Het hoofdkantoor is gevestigd in Aalst, België. Ontex maakt deel uit van de Bel20 en STOXX ®Europe 600.

1.3. GESCHIEDENIS VAN DE GROEP

Ontex werd in 1979 opgericht door Paul Van Malderen en produceerde aanvankelijk matrasbeschermers voor de Belgische institutionele markt. In de loop van de jaren tachtig en de eerste helft van de jaren negentig vergrootte de Vennootschap haar productassortiment tot haar huidige belangrijkste productcategorieën en breidde ze ook haar activiteiten internationaal uit, zowel via organische groei als via overnames.

Na de opening van een productiefaciliteit in Tsjechië en de overname van bedrijven in België, Duitsland en Spanje, werd Ontex in 1998 genoteerd op Euronext Brussel. Na de notering kenden wij in enkele jaren tijd een snelle groei, voornamelijk via opeenvolgende overnames ("bolt-on acquisitions") in Frankrijk, Duitsland en Turkije.

Ontex werd in 2003 overgenomen door fondsen geadviseerd door Candover en vervolgens van Euronext Brussel gehaald. In 2004 namen we een luierproductie-eenheid van Paul Hartmann in Duitsland over, en in 2006 openden we een productiefaciliteit in China. In 2008 openden we een productiefaciliteit in Algerije. In 2010 namen we ID Medica over, dat in Duitsland incontinentieproducten verkoopt.

In 2010 werd Ontex overgenomen door fondsen die werden beheerd door GSCP en TPG. In 2011 openden we twee bijkomende productiefaciliteiten, één in Australië en één in Rusland, en namen we in Frankrijk Lille Healthcare over, een bedrijf actief op de markt voor incontinentieproducten voor volwassenen. In 2013 namen we Serenity over, een bedrijf actief op de markt voor incontinentieproducten voor volwassenen in Italië, en openden we een productiefaciliteit in Pakistan.

In juni 2014 heeft Ontex Group NV haar aandelen succesvol genoteerd op de Brusselse Euronext beurs en worden deze verhandeld onder het ticker symbool 'ONTEX'.

In februari 2016 heeft Ontex Grupo Mabe, een toonaangevende Mexicaanse producent van persoonlijke hygiëne wegwerpproducten , overgenomen.

In maart 2017 heeft Ontex de overname voltooid van de persoonlijke hygiëne activiteit van Hypermarcas en kreeg deze de naam "Ontex Brazil".

In juli 2017 hebben we onze nieuwe productievestiging geopend in Ethiopië waar we babyluiers produceren die specifiek voldoen aan de behoeften van Afrikaanse gezinnen.

In oktober 2018 hebben we onze nieuwe productievestiging geopend in Radomsko, Polen om de Centraal-Europese activiteiten te ondersteunen.

1.4. JURIDISCH STATUUT

Ontex Group NV is een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid opgericht in de vorm van een "naamloze vennootschap" ("NV") naar Belgisch recht, met ondernemingsnummer 0550.880.915 . De maatschappelijke zetel van Ontex Group NV is gevestigd te Korte Keppestraat 21, 9320 Erembodegem (Aalst), België. De aandelen van Ontex Group NV worden genoteerd op de gereguleerde markt van Euronext Brussel.

2. GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER

ACTIVA Toelichting 31 december 2018 31 december 2017
in miljoen €
Vaste activa
Goodwill 9 1.165,2 1.163,6
Immateriële activa 9 51,8 50,6
Materiële vaste activa 10 599,9 578,3
Uitgestelde belastingvorderingen 18 26,5 18,3
Langlopende vorderingen 5.1 5,1 3,9
1.848,5 1.814,7
Vlottende activa
Voorraden 11 365,9 327,2
Handelsvorderingen 12 355,4 369,8
Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen 12 69,1 80,6
Actuele belastingvorderingen 18 12,5 7,1
Afgeleide financiële activa 5.1 3,6 1,6
Geldmiddelen en kasequivalenten 13 130,6 118,5
Vaste activa aangehouden voor verkoop 10 4,0 -
941,1 904,8
TOTAAL ACTIVA 2.789,6 2.719,5
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN Toelichting 31 december 2018 31 december 2017
in miljoen €
Eigen vermogen toerekenbaar aan de
aandeelhouders van de moedermaatschappij
Kapitaal en uitgiftepremie 14 1.208,0 1.208,0
Eigen aandelen (42,1) (31,3)
Cumulatieve omrekeningsverschillen (189,7) (158,9)
Overgedragen resultaat en overige reserves 208,0 160,2
TOTAAL EIGEN VERMOGEN 1.184,2 1.178,0
Langlopende verplichtingen
Voorzieningen m.b.t. personeelsbeloningen 17 22,6 21,7
Voorzieningen 20 - 0,4
Rentedragende leningen 16 786,6 772,0
Uitgestelde belastingverplichtingen 18 49,9 42,8
Overige schulden 0,3 0,2
859,4 837,1
Kortlopende verplichtingen
Rentedragende leningen 16 104,0 69,9
Afgeleide financiële verplichtingen 5.1 6,7 4,2
Overige kortlopende financiële verplichtingen 19 - 20,8
Handelsschulden 19 501,0 473,3
Toegerekende kosten en overige schulden 19 31,8 32,8
Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen 19 47,9 44,7
Actuele belastingverplichtingen 18 46,0 50,9
Voorzieningen 20 8,6 7,8
746,0 704,4
TOTAAL VERPLICHTINGEN 1.605,4 1.541,5
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN 2.789,6 2.719,5

3. GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING VOOR DE BOEKJAREN AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER

in miljoen € Toelichting Boekjaar
2018 2017
Restated1
Omzet 6 2.292,2 2.335,0
Kostprijs van de omzet 24 (1.666,5) (1.674,4)
Brutomarge 625,7 660,6
Distributiekosten 24 (208,7) (213,1)
Verkoop- en marketingkosten 24 (158,8) (154,5)
Algemene beheerskosten 24 (83,0) (79,7)
Overige bedrijfsopbrengsten/(-kosten), netto 22-24 1,9 (0,5)
Kosten en opbrengsten gerelateerd aan wijzigingen in de
groepsstructuur
23 (15,5) (4,4)
Kosten en opbrengsten gerelateerd aan
waardeverminderingen en significante geschillen
23 (8,8) (0,1)
Bedrijfsresultaat 152,8 208,3
Financiële opbrengsten 25 2,5 12,3
Financiële kosten 25 (29,9) (48,3)
Nettowisselkoersverschillen op financieringsactiviteiten 25 (1,2) (7,8)
Netto financiële kosten (28,6) (43,8)
Winst vóór winstbelastingen 124,2 164,5
Winstbelastingen 26 (27,2) (36,1)
Winst voor de periode uit voortgezette activiteiten 97,0 128,4
Winst voor de periode 97,0 128,4
Winst toewijsbaar aan:
Aandeelhouders van de moedermaatschappij 97,0 128,4
Minderheidsbelangen - -
Winst voor de periode 97,0 128,4

Winst per aandeel:

in € Toelichting Boekjaar
2018 2017
Gewone winst per aandeel 15 1,20 1,61
Verwaterde winst per aandeel 15 1,20 1,61
Recurrente gewone winst per aandeel 15 1,35 1,65
Recurrente verwaterde winst per aandeel 15 1,35 1,64
Gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen uitstaand
gedurende de periode
81.020.929 79.661.317

1 Naar aanleiding van de toepassing van IFRS 15 – Opbrengsten uit contracten met klanten vanaf 1 januari 2018 werden de cijfers van de comparatieve periode aangepast om de vergelijkbaarheid te garanderen. Voor meer informatie verwijzen we naar toelichting 7.1.2.

4. GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN HET TOTAALRESULTAAT VOOR DE BOEKJAREN AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER

in miljoen € Toelichting Boekjaar
2018 2017
Winst voor de periode 97,0 128,4
Overige elementen van het totaalresultaat voor de
periode, na winstbelastingen:
Componenten die later niet zullen opgenomen worden in
de resultatenrekening
Herwaarderingen van toegezegde-pensioenregelingen 17 0,3 1,0
Componenten die later mogelijks kunnen opgenomen
worden in de resultatenrekening
Omrekeningsverschillen op buitenlandse activiteiten (30,8) (116,4)
Kasstroomindekking (3,1) (0,4)
Overige - (0,2)
Overige elementen van het totaalresultaat voor de
periode
(33,6) (116,0)
Totaalresultaat voor de periode 63,4 12,4
Totaalresultaat toewijsbaar aan:
Aandeelhouders van de moedermaatschappij 63,4 12,4
Totaalresultaat voor de periode 63,4 12,4

5. GECONSOLIDEERD MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN

VOOR DE BOEKJAREN AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER

in miljoen € Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep
Aantal
aandelen
Kapitaal Uitgifte
premie
Eigen
aandelen
Cumulatieve
omrekenings
-verschillen
Overgedragen
resultaat en
overige
reserves
Totaal
eigen
vermogen
Saldo per 31
December 2017
82.347.218 795,2 412,8 (31,3) (158,9) 160,2 1.178,0
Transacties met
aandeelhouders
op niveau van
Ontex Group
NV:
Op aandelen
gebaseerde
betalingen
- - - 1,2 - 2,4 3,6
Dividenden - - - - - (48,8) (48,8)
Eigen aandelen - - - (12,0) - - (12,0)
Totaal
transacties met
aandeelhouders
2018
- - - (10,8) - (46,4) (57,2)
Totaalresultaat
Winst van de
periode
- - - - - 97,0 97,0
Overige
elementen van
het totaal
resultaat
Omrekenings
verschillen op
buitenlandse
activiteiten
- - - - (30,8) - (30,8)
Herwaardering
van toegezegde
pensioen
regelingen
- - - - - 0,3 0,3
Kasstroom
indekking
- - - - - (3,1) (3,1)
Totaal overige
elementen van
het totaal
resultaat
- - - - (30,8) (2,8) (33,6)
Saldo op 31
December 2018
82.347.218 795,2 412,8 (42,1) (189,7) 208,0 1.184,2
in miljoen € Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep
Aantal
aandelen
Aantal
aandelen
Aantal
aandelen
Aantal
aandelen
Aantal
aandelen
Aantal
aandelen
Aantal
aandelen
Saldo per 31
December 2016
74.861.108 722,0 266,8 (22,3) (42,5) 75,1 999,1
Transacties met
aandeelhouders op
niveau van Ontex
Group NV:
Op aandelen
gebaseerde betalingen
- - - - - 1,7 1,7
Dividenden - - - - - (44,8) (44,8)
Eigen aandelen - - - (9,0) - (0,6) (9,6)
Uitgiftekosten van
nieuwe aandelen
- (1,7) - - - - (1,7)
Kapitaalsverhoging 7.486.110 74,9 146,0 - - - 220,9
Totaal transacties met
aandeelhouders 2017
7.486.110 73,2 146,0 (9,0) - (43,7) 166,5
Totaalresultaat
Winst van de periode - - - - - 128,4 128,4
Overige elementen
van het totaalresultaat
Omrekeningsverschillen
op buitenlandse
activiteiten
- - - - (116,4) - (116,4)
Herwaardering van
toegezegde
pensioenregelingen
- - - - - 1,0 1,0
Kasstroomindekking - - - - - (0,4) (0,4)
Overige - - - - - (0,2) (0,2)
Totaal overige
elementen van het
totaalresultaat
- - - - (116,4) 0,4 (116,0)
Saldo op 31
December 2017
82.347.218 795,2 412,8 (31,3) (158,9) 160,2 1.178,0

De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening.

Per 31 december 2018 is het aandeelhouderschap van Ontex Group NV gebaseerd op de verklaringen ontvangen in de periode voor 31 december 2018 als volgt:

Aandeelhouder 31 december 2018 %1
Groupe Bruxelles Lambert (GBL) 16.454.453 19,98%
Janus Capital Management LLC 3.424.055 4,75%
The Pamajugo Irrevocable Trust 2.722.221 3,64%
Black Creek Investment Management Inc. 2.493.603 3,03%
AXA Investment Managers SA 2.053.236 3,02%

1 Oop het ogenblijk van de verklaring

6. GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT VOOR DE BOEKJAREN AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER

in miljoen €
Toelichting
Boekjaar
2018 2017
KASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN
Winst voor de periode 97,0 128,4
Aanpassingen voor:
Winstbelastingen 27,2 36,1
Afschrijvingen 56,9 53,7
(Winst)/verlies op de verkoop van materiële vaste activa 7,1 0,3
Voorzieningen (inclusief verplichtingen m.b.t.
personeelsbeloningen)
5,3 (0,2)
(Winst)/verlies op earn-out verplichtingen (4,9) (7,8)
Netto financiële kosten 28,6 43,8
Wijzigingen in werkkapitaal:
Voorraden (39,9) (8,3)
Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige
vorderingen
24,5 (56,4)
Handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden 4,4 26,1
Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen 2,6 (1,5)
Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten 208,8 214,2
Betaalde winstbelastingen (39,1) (44,9)
NETTOKASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN 169,7 169,3
KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN
Aankoop van materiële vaste en immateriële activa
(103,8) (111,9)
Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste en immateriële
activa
2,6 (0,6)
Betaling voor overname dochteronderneming, netto van
overgenomen geldmiddelen
8 (16,5) (297,6)
Investeringsuitgaven m.b.t. bedrijfscombinaties (0,3) (7,1)
NETTOKASSTROOM GEBRUIKT VOOR
INVESTERINGSACTIVITEITEN
(118,0) (417,2)
KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN
Inkomsten uit leningen 16 58,6 1,108,2
Betaalde financieringskosten 16 - (3,9)
Aflossingen van leningen 16 (25,4) (1,087,7)
Betaalde interesten 25 (21,8) (28,3)
Ontvangen interesten 25 2,5 3,3
Herfinancieringskosten en overige financieringskosten (3,0) (10,7)
Gerealiseerde wisselkoersresultaten uit financieringsactiviteiten (0,5) 0,7
Afgeleide financiële activa (1,2) (2,4)
Betaalde dividenden (48,8) (44,8)
Kapitaalsverhoging (na aftrek van uitgiftekosten nieuwe
aandelen)
- 219,2
NETTOKASSTROOM GEBRUIKT VOOR / UIT
FINANCIERINGSACTIVITEITEN
(39,6) 153,6
NETTO TOENAME / (AFNAME) GELDMIDDELEN EN
KASEQUIVALENTEN
12,1 (94,3)
GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET BEGIN
VAN DE PERIODE
118,5 212,8
GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET EINDE
VAN DE PERIODE
130,6 118,5

7. TOELICHTINGEN BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

7.1. SAMENVATTING VAN DE BELANGRIJKSTE GRONDSLAGEN VOOR FINANCIËLE VERSLAGGEVING

7.1.1. Inleiding

De grondslagen voor financiële verslaggeving die van toepassing zijn bij de geconsolideerde financiële rapportering voor de periode van 1 januari 2018 tot en met 31 december 2018 zijn in overeenstemming met de grondslagen die toegepast werden in de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2017 van Ontex Group NV, behalve voor de toepassing van de nieuwe vereisten met betrekking tot IFRS 15 – Opbrengsten uit contracten met klanten en IFRS 9 – Financiële instrumenten (zie hieronder). De grondslagen voor financiële verslaggeving zijn op consistente wijze toegepast doorheen de betrokken perioden.

7.1.2. Conformiteitsverklaring

Deze geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor het jaar afgesloten op 31 december 2018 is opgesteld in overeenstemming met IFRS ("International Financial Reporting Standards") zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Deze omvatten alle gepubliceerde IFRS-standaarden en IFRIC-interpretaties die van toepassing zijn op 31 december 2018. De nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden en interpretaties die voor de eerste keer verplicht zijn voor het boekjaar beginnend op 1 januari 2018 hebben geen materiële impact. Geen nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden of interpretaties werden vervroegd toegepast.

Deze geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van de historische kostprijs methode, met uitzondering van bepaalde financiële instrumenten waar de reële waarde voor is gebruikt (zoals voor afgeleide instrumenten).

Deze jaarrekening is opgemaakt op basis van de toerekeningsmethode en het continuïteitsbeginsel waarbij verondersteld wordt dat de entiteit haar bedrijfsvoering in de nabije toekomst zal voortzetten.

De opstelling van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met IFRS vereist het gebruik van een aantal belangrijke boekhoudkundige schattingen. Het vereist ook dat het management schattingen maakt en oordelen vormt bij het toepassen van de "Group accounting policies". De gebieden die een hogere mate van beoordeling behoeven, of die complexer zijn, of gebieden waar veronderstellingen en schattingen van significant belang zijn voor de geconsolideerde jaarrekening, worden aangegeven in toelichting 7.4.

Relevante IFRS standaarden verplicht vanaf 2018 en later:

De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen van standaarden zijn voor het eerst verplicht van toepassing voor het boekjaar dat begint op 1 januari 2018 of later en hebben geen materiële impact op de jaarrekening van Ontex Group:

IFRS 9 Financiële instrumenten vervangt IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering en brengt de volgende aspecten bij elkaar van de boekhoudkundige verwerking voor financiële instrumenten: classificatie en waardering, bijzondere waardeverminderingen en 'hedge accounting'. IFRS 9 verandert de classificatie en waardering van financiële activa en voorziet in een nieuw model voor de beoordeling van de bijzondere waardeverminderingen van de financiële activa op basis van verwachte kredietverliezen. Het grootste deel van de basisprincipes van 'hedge accounting' veranderen niet als gevolg van IFRS 9. Echter, hedge accounting kan worden toegepast op een groter aantal potentiële risico's dan voorheen het geval was en de 'hedge accounting' principes zijn geharmoniseerd met die welke van toepassing zijn op het risicobeheer.

IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten: IFRS 15 vervangt IAS 18 Opbrengsten en IAS 11 Onderhanden projecten in opdracht van derden en legt een alomvattend kader vast om te bepalen wanneer en hoeveel omzet te erkennen met betrekking tot contracten met klanten, met uitzondering van de inkomsten uit leaseovereenkomsten, financiële instrumenten en verzekeringscontracten. Het tijdstip van de opname van opbrengsten kan plaatsvinden na verloop van tijd of op een tijdstip, afhankelijk van de overdracht van zeggenschap. De standaard introduceert ook nieuwe richtlijnen inzake de kosten ter vervulling en het behalen van een contract, met vermelding van de omstandigheden waarin deze kosten moeten worden gekapitaliseerd of ten laste moeten worden genomen wanneer ze zich voordoen. Bovendien zijn de nieuwe toelichtingen opgenomen in IFRS 15 meer gedetailleerd dan die welke momenteel van toepassing zijn in het kader van IAS 18.

Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS (2014-2016): De verbeteringen hebben betrekking op volgende onderwerpen: IFRS 1 Eerste toepassing van IFRS betreffende de verwijdering van de korte-termijn vrijstellingen voor eerste toepassers in verband met IFRS 7, IAS 19 en IFRS 10; en IAS 28 Investeringen in geassocieerde deelnemingen en joint ventures met betrekking tot het waarderen van een geassocieerde deelneming of joint venture tegen reële waarde.

Aanpassingen aan IFRS 2 Classificatie en waardering van op aandelen gebaseerde betalingen: De aanpassingen verduidelijken de waarderingsgrondslag voor in geldmiddelen afgewikkelde betalingen en de boekhoudkundige verwerking van wijzigingen die een vergoeding veranderen van in geldmiddelen afgewikkelde betalingen naar in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde betalingen. De aanpassingen introduceren eveneens een uitzondering op de principes van IFRS 2 zodat een plan als in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde betalingen wordt beschouwd wanneer een werkgever de verplichting heeft om een bedrag in te houden met betrekking tot de belastingverplichting van de werknemer en deze door te storten aan de belastingsautoriteiten.

IFRIC 22 Transacties in vreemde valuta en vooruitbetalingen: Deze interpretatie behandelt transacties of delen van transacties in vreemde valuta waar sprake is van een vergoeding uitgedrukt of geprijsd in een vreemde valuta.

De bovenvermelde standaarden en interpretaties hebben geen impact op de jaarrekening gehad, behalve voor IFRS 15.

De impact op de geconsolideerde resultatenrekening voor het boekjaar afgesloten per 31 december 2017 van de wijzigingen aan de grondslagen voor financiële verslaggeving als gevolg van de toepassing van IFRS 15 wordt hieronder weergegeven. Als gevolg van de retroactieve toepassing van de aangepaste grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot IFRS 15 werden herclassificaties doorgevoerd in de geconsolideerde resultatenrekening voor het boekjaar afgesloten per 31 december 2017 voor vergoedingen betaald aan klanten en agenten voor afzonderlijke diensten van omzet naar distributiekosten en verkoop- en marketingkosten voor respectievelijk 12,2 miljoen € en 8,2 miljoen €:

in miljoen € 2017 IFRS 15 2017
Zoals Aanpassing Aangepast
gerapporteerd
Mature Market Retail 901,7 (0,9) 900,7
Growth Markets 193,1 (0,8) 192,3
Healthcare 433,4 - 433,4
MENA 189,8 (5,3) 184,5
Americas Retail 637,5 (13,4) 624,1
Omzet Ontex Group 2.355,4 (20,4) 2.335,0
Kostprijs van de omzet (1.674,4) - (1.674,4)
Brutomarge 681,0 (20,4) 660,6
Distributiekosten (225,3) 12,2 (213,1)
Verkoop- en marketingkosten (162,7) 8,2 (154,5)
Algemene beheerskosten (79,7) - (79,7)
Overige bedrijfsopbrengsten/(-kosten), netto (0,5) - (0,5)
Kosten en opbrengsten gerelateerd aan wijzigingen in de
groepsstructuur
(4,4) - (4,4)
Kosten en opbrengsten gerelateerd aan waardeverminderingen en
significante geschillen
(0,1) - (0,1)
Bedrijfsresultaat 208,3 - 208,3

Relevante IFRS standaarden verplicht vanaf 2019

Een aantal nieuwe standaarden, aanpassingen aan bestaande standaarden en jaarlijkse verbeteringscycli zijn gepubliceerd en zijn verplicht voor de eerste toepassing voor het boekjaar dat begint op of na 1 januari 2019 of latere periodes, en zijn niet vervroegd toegepast. Zij die het meest relevant kunnen zijn voor de jaarrekening van Ontex Group worden hieronder uiteengezet.

IFRS 16 Leaseovereenkomsten

IFRS 16 vervangt IAS 17 Leaseovereenkomsten en de daarmee verband houdende interpretaties. Voor huurders (lessees) vereist IFRS 16 dat de meeste huurcontracten worden opgenomen op de balans (onder één model), waardoor het onderscheid vervalt tussen operationele en financiële lease. In overeenstemming met de nieuwe standaard, zal de huurder de activa en verplichtingen opnemen voor de rechten en verbintenissen welke ontstaan door de leaseovereenkomsten. De nieuwe standaard zal rentedragende schulden en vaste activa (nieuwe rubriek "Recht-op-gebruik activa") in de geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group verhogen. Daarnaast zullen de huurlasten in de resultatenrekening verminderen en zullen afschrijvingen, evenals de rentelasten stijgen. Als gevolg van deze effecten zal de EBITDA in belangrijke mate geïmpacteerd worden. Het nettoresultaat (winst van de periode) zal echter slechts in beperkte mate beïnvloed worden.

IFRS 16 is van toepassing voor de boekjaren die beginnen op 1 januari 2019. Ontex Group zal bij de overgang naar IFRS 16 de aangepast retrospectieve benadering toepassen waarbij de gecumuleerde impact van de initiële toepassing van de standaard op 1 januari 2019 opgenomen wordt in overeesntemming met de overgangsbepalingen van IFRS 16. De vergelijkende cijfers zullen niet worden herwerkt. Op transitie, maakt de Groep gebruik van de volgende praktische oplossingen toegestaan door de standaard:

  • Eén enkele disconteringsvoet toepassen op een portefeuille van leaseovereenkomsten met redelijke vergelijkbare kenmerken;
  • Initiële directe kosten buiten beschouwing laten bij de waardering van het recht-op-gebruik actief op de datum van de eerste toepassing;
  • Bestaande kennis gebruiken, zoals bij het bepalen van de leaseperiode indien het contract opties tot verlenging of beëindiging van de leaseovereenkomst bevat;
  • Niet herbeoordelen of een contract afgesloten voor 1 januari 2019 een leaseovereenkomst is of bevat op datum van de eerste toepassing.

Verder zal de Groep gebruik maken van de vrijstellingen om de opnamevereisten van de standaard niet toe te passen op leaseovereenkomsten van korte duur en leaseovereenkomsten waarvan het onderliggende actief een lage waarde heeft.

Op datum van eerste toepassing waardeert de Groep de leaseverplichting aan de contante waarde van de resterende leasebetalingen, verdisconteerd aan de marginale rentevoet op datum van de eerste toepassing. De gerelateerde recht-opgebruik activa zijn gewaardeerd aan het bedrag van de leaseverplichting, aangepast voor het bedrag op de balans per 31 december 2018 van de voor de datum van eerste toepassing verrichte leasebetalingen of ontvangen lease-incentives.

Op datum van eerste toepassing zullen de recht-op-gebruik activa bestaan uit kantoren, gebouwen, machines en voertuigen. Op basis van een preliminaire analyse gevoerd op jaareinde 2018 bedragen de recht-op-gebruik activa en leaseverplichtingen 147,2 miljoen €.

Had IFRS 16 toegepast geweest vanaf 1 januari 2018, dan zou de EBITDA tussen 28,0 miljoen € en 30,0 miljoen euro hoger geweest zijn

Andere relevante standaarden en interpretaties

De overige standaarden, aanpassingen aan standaarden en interpretaties die van toepassing zijn op boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2019, worden verwacht geen belangrijke financiële gevolgen te hebben op de geconsolideerde jaarrekening van Ontex.

Aanpassing van IFRS 3 Definitie van een bedrijf (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2020, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie): De aanpassingen dienen om ondernemingen te helpen bij het bepalen of ze een bedrijf of een groep van activa hebben overgenomen.

Aanpassing van IAS 1 en IAS 8 Definitie van het begrip "materieel" (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2019, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie): De aanpassingen verduidelijken de definitie van "materieel" en brengen deze in overeenstemming met de definitie die gebruikt wordt in het Conceptueel Raamwerk.

Aanpassingen aan IAS 19 Personeelsbeloningen (toepasbaar vanaf 1 januari 2019): De aanpassingen verduidelijken dat in het geval van een wijziging, inperking of afwikkeling van een plan, het nu verplicht is om de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkost en de nettorente voor de periode te bepalen na de herwaardering van de nettoverplichting op basis van de hypotheses gebruikt bij de herwaardering.

Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS (2015-2017) (toepasbaar vanaf 1 januari 2019): Deze verbeteringen omvatten aanpassingen aan vier standaarden als gevolg van het jaarlijkse verbeteringsproject van het IASB. De aanpassingen aan IFRS 3 Bedrijfscombinaties en IFRS 11 Gezamenlijke overeenkomsten verduidelijken de definitie van een bedrijf (business) en de verwerking van een voorheen aangehouden deelneming. De aanpassingen aan IAS 12 Winstbelastingen verduidelijken dat alle belastingsgevolgen van dividenden (d.i. uitkering van de winsten) moeten opgenomen worden in de resultatenrekening, ongeacht hoe de belasting ontstaan is; en tenslotte, de aanpassingen aan IAS 23 Financeringskosten verduidelijken de boekhoudkundige verwerking van kosten met betrekking tot specifieke leningen die open blijven staan nadat het ermee gepaard gaande actief beschikbaar is voor gebruik of verkoop.

IFRIC 23 Onzekerheid over het taxregime (toepasbaar vanaf 1 januari 2019): deze interpretatie beschijft hoe de boekhoudkundige belastingspositie moet worden bepaald in het geval van onzekerheid over een bepaalde belastingsmaatregel. De Groep heeft een evaluatie gevoerd met betrekking tot haar belastingsposities waarover onzekerheid bestaat en de toepassing van IFRIC 23 zou geen significante impact hebben op de toekomstige geconsolideerde jaarrekeningen. De Groep past de nieuwe richtlijnen toe met het cumulatieve effect van de eerste toepassing opgenomen op 1 januari 2019 (aangepast retrospectieve benadering) in overeenstemming met de overgangsbepalingen van IFRIC 23.

7.1.3. Consolidatie

Dochterondernemingen

Dochterondernemingen zijn ondernemingen waarover de Groep controle heeft. Controle bestaat in de blootstelling aan of de rechten op variabele inkomsten uit haar relatie met de dochterondernemingen en de mogelijkheid om deze inkomsten te beïnvloeden door zijn macht over deze dochterondernemingen. Dochterondernemingen worden volledig geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle wordt overgedragen aan de Groep. Ze worden niet langer geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle eindigt.

De overnamemethode wordt gebruikt om verslag uit te brengen over de overname van dochterondernemingen door de Groep. De vergoeding van een overname van een dochteronderneming betreft de reële waarde van de overgenomen activa, de aangegane verplichtingen en de uitgegeven eigen vermogen instrumenten door de Groep. De vergoeding van de overname omvat de reële waarde van alle activa of verplichtingen voortvloeiend uit een voorwaardelijke vergoeding. Kosten gerelateerd aan de overname worden opgenomen in de resultatenrekening op het moment dat ze zich voordoen. Identificeerbare overgenomen activa, aangegane verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum. Bij elke individuele overname neemt de Groep elk minderheidsbelang op van de overgenomen partij tegen de reële waarde of tegen het evenredige deel van het minderheidsbelang van de netto-activa van de overgenomen partij.

Het deel van de overnameprijs voor een minderheidsbelang in de overgenomen entiteit dat hoger is dan de reële waarde van het aandeel van de verworven identificeerbare netto activa van de Groep op de aankoopdatum van enig reeds bestaand aandelenbelang in de overgenomen onderneming wordt opgenomen als goodwill. Indien deze lager is dan de reële waarde van de netto activa van de dochteronderneming, in het geval van een voordelige koop, wordt het verschil direct opgenomen in de resultatenrekening.

Alle transacties tussen groepsondernemingen, balansen en niet-gerealiseerde winsten op transacties binnen de groep worden geëlimineerd. Niet-gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd, maar beschouwd als een indicatie voor een mogelijke bijzondere waardevermindering van het overgenomen actief.

Transacties met minderheidsbelangen

De Groep behandelt de transacties met minderheidsbelangen als transacties met aandeelhouders van de Groep. Voor aankopen van minderheidsbelangen wordt het verschil tussen de vergoeding die betaald werd en het relevante verworven aandeel van de boekwaarde van de netto activa van de dochteronderneming opgenomen in het eigen vermogen. Winsten en verliezen uit de verkoop van minderheidsbelangen worden ook opgenomen in het eigen vermogen.

Wanneer de Groep niet langer controle of een invloed van betekenis heeft, wordt een eventueel resterend belang in de entiteit gewaardeerd tegen de reële waarde ervan en wordt de verandering van boekwaarde opgenomen als winst of verlies. De reële waarde is de initiële boekwaarde voor het boeken van het behouden belang als een geassocieerd bedrijf, joint venture of financieel actief. Daarnaast worden alle voorheen opgenomen bedragen in de overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten van die entiteit opgenomen alsof de Groep zich direct van de desbetreffende activa of verplichtingen heeft ontdaan. Dit kan betekenen dat de bedragen die voorheen opgenomen werden als overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten geherclassificeerd worden in winst of verlies.

7.1.4. Goodwill

Goodwill is het positieve verschil tussen de betaalde vergoeding en het aandeel van de onderneming in de reële waarde van de netto identificeerbare activa van de verworven dochteronderneming/geassocieerde deelneming op de overnamedatum. Goodwill op aankopen van geassocieerde deelnemingen wordt opgenomen onder "investeringen in geassocieerde deelnemingen" en wordt getest op bijzondere waardeverminderingen als onderdeel van de totale balans. Afzonderlijk opgenomen goodwill wordt onderworpen aan een jaarlijkse test op bijzondere waardeverminderingen en wordt opgenomen tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill worden niet teruggenomen. Winsten en verliezen op de verkoop van een entiteit omvatten de boekwaarde van de goodwill met betrekking tot de verkochte entiteit.

De in de balans opgenomen goodwill wordt toegewezen aan vier kasstroomgenererende eenheden (KGE). Deze KGE zijn Mature Market Retail, Growth Markets, Healthcare, Middle East North Africa (MENA) en Americas Retail. Zij vertegenwoordigen het laagste niveau binnen de entiteit waarop goodwill opgevolgd wordt voor interne management doeleinden. Dit is in overeenstemming met het gecentraliseerde bedrijfsmodel dat gedurende 2010 werd geïmplementeerd.

7.1.5. Vreemde valuta

Posten opgenomen in de jaarrekening van elk van de entiteiten van de Groep worden gewaardeerd in de valuta van de voornaamste economische omgeving waarin de entiteit actief is ("de functionele valuta"). De geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld in euro, dewelke de rapporteringsmunt is van de Groep.

Transacties in vreemde valuta worden omgerekend naar de functionele valuta tegen de wisselkoers die geldig was op de transactiedatum. Koerswinsten en -verliezen die voortvloeien uit de afwikkeling van dergelijke transacties, en uit de omrekening tegen de slotkoersen van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta, worden opgenomen in de resultatenrekening.

Koerswinsten en -verliezen die betrekking hebben op rentedragende schulden en geldmiddelen en kasequivalenten worden in de resultatenrekening gepresenteerd onder "Netto-financiële kosten". Alle andere koerswinsten en -verliezen worden in de resultatenrekening gepresenteerd onder "Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten), netto".

Voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening worden de activa en verplichtingen van de buitenlandse activiteiten van de Groep omgerekend tegen de slotkoers op balansdatum. Posten van opbrengsten en kosten worden omgerekend tegen de gemiddelde wisselkoersen (tenzij dit gemiddelde geen redelijke benadering is van het cumulatief effect van de koersen op de transactiedatums, in dit geval worden baten en lasten omgerekend tegen de koers op de transactiedatums) en de posten van eigen vermogen worden omgerekend tegen de historische koers. De hieruit voortvloeiende koersverschillen worden opgenomen onder het niet gerealiseerd resultaat en gecumuleerd in een afzonderlijke component van het eigen vermogen.

De voornaamste wisselkoersen die zijn gebruikt, zijn als volgt:

31 december 2018 31 december 2017
Valuta Slotkoers Gemiddelde
jaarkoers
Slotkoers Gemiddelde
jaarkoers
AUD 1,6220 1,5798 1,5346 1,4729
BRL 4,4440 4,3089 3,9729 3,6085
CZK 25,7240 25,6440 25,5350 26,3277
GBP 0,8945 0,8847 0,8872 0,8761
MXN 22,4921 22,7141 23,6612 21,3261
PLN 4,3014 4,2605 4,1770 4,2562
RUB 79,7153 74,0385 69,3920 65,8859
TRY 6,0588 5,6968 4,5464 4,1214
USD 1,1450 1,1814 1,1993 1,1293

7.1.6. Immateriële activa

Een immaterieel actief wordt opgenomen in de balans wanneer er aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: (1) het actief is identificeerbaar, d.w.z. ofwel afscheidbaar (als het kan worden verkocht, overgedragen, in licentie gegeven) of voortvloeit uit contractuele of andere juridische rechten; (2) het is waarschijnlijk dat de verwachte toekomstige economische voordelen die kunnen worden toegerekend aan het actief naar de Groep zullen vloeien; (3) de Groep heeft zeggenschap over het actief; en (4) de kostprijs van het actief kan op een betrouwbare wijze worden bepaald.

Immateriële activa worden gewaardeerd aan kostprijs (inclusief de kosten die direct toewijsbaar zijn aan de transactie), verminderd met eventuele gecumuleerde afschrijvingen en verminderd met eventuele gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

Binnen de Groep vertegenwoordigen de intern gegenereerde immateriële activa IT-projecten en product/process ontwikkelingsprojecten.

Ontwikkelingskosten die rechtstreeks toerekenbaar zijn aan het ontwerp en testen van identificeerbare en unieke projecten waarover de Groep zeggenschap heeft, worden als immateriële activa opgenomen als aan de volgende criteria voldaan wordt:

  • het is technisch uitvoerbaar om het immaterieel actief, met het oog op het gebruik of de verkoop, te voltooien;
  • het maangement beoogt het immaterieel actief te voltooien en te gebruiken of verkopen;
  • het vermogen om het immaterieel actief te gebruiken of te verkopen is beschikbaar;
  • er kan aangetoond worden hoe het immaterieel actief waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren;
  • adequate technische, financiële en andere middelen zijn beschikbaar voor de voltooiing van de ontwikkeling evenals voor het gebruik of de verkoop van het actief; en
  • de kosten, toe te rekenen aan het immaterieel actief tijdens zijn ontwikkelingsfase, kunnen op een betrouwbare manier gewaardeerd worden.

Systemen van de Groep laten een betrouwbare maatstaf toe voor kosten die direct toerekenbaar zijn aan de verschillende ITprojecten en product/process ontwikkelingsprojecten.

Onderzoekskosten en ontwikkelingskosten die niet aan de bovenstaande criteria voldoen, worden als kost opgenomen in de resultatenrekening op het moment dat ze opgelopen worden. Ontwikkelingskosten die in het verleden als kost werden opgenomen, kunnen niet als een actief worden opgenomen op een latere datum.

Extern verworven software wordt gewaardeerd aan kostprijs verminderd met eventuele gecumuleerde afschrijvingen en verminderd met eventuele bijzondere gecumuleerde waardeverminderingsverliezen.

Onderhoudskosten, alsmede de kosten van kleine aanpassingen waarvan het doel is om het niveau van de prestaties van het actief te handhaven (in plaats van te verbeteren), worden beschouwd als kosten op het moment dat ze zich voordoen.

Financieringskosten die direct toerekenbaar zijn aan de aankoop, bouw en of productie van een in aanmerking komend immaterieel actief, worden gekapitaliseerd als onderdeel van de kosten van het actief.

Immateriële activa worden stelselmatig afgeschreven over de gebruiksduur op basis van de lineaire methode. De van toepasisng zijnde gebruiksduren zijn als volgt:

Immateriële activa
Merken 20 jaar
Implementatiekosten IT 5 jaar
Geactiveerde ontwikkelingskosten 3 tot 5 jaar
Licenties 3 tot 5 jaar
Verworven concessies, octrooien, kennis en andere soortgelijke rechten 5 jaar

Afschrijvingen beginnen van zodra het actief beschikbaar is voor gebruik.

7.1.7. Materiële vaste activa

Materiële vaste activa worden opgenomen tegen de kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en verminderd met gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. De kostprijs omvat alle kosten die direct toerekenbaar zijn om het actief in de staat te krijgen die noodzakelijk is om te functioneren op de door het management beoogde wijze. Financieringskosten die direct toerekenbaar zijn aan de aankoop, bouw en/of productie van een in aanmerking komend actief worden gekapitaliseerd als deel van de kosten van het actief.

Uitgaven voor herstellingen en onderhoud die enkel bedoeld zijn om de waarde van vaste activa op peil te houden, maar niet om ze te verhogen, worden verwerkt in de resultatenrekening. Uitgaven voor grote herstellingen en voor groot onderhoud, die leiden tot een toename van de toekomstige economische voordelen die door het vaste actief zullen worden gegenereerd, worden evenwel geïdentificeerd als een afzonderlijk element van de aanschaffingswaarde. De kosten van terreinen, gebouwen, machines en installaties worden onderverdeeld in belangrijke bestanddelen. Deze belangrijke bestanddelen, die worden vervangen op regelmatige tijdstippen en bijgevolg een gebruiksduur hebben die verschilt van die van de vaste activa waarin ze zijn verwerkt, worden afgeschreven over hun specifieke gebruiksduur. In geval van vervanging wordt het bestanddeel vervangen en niet langer in de balans opgenomen en wordt het nieuwe bestanddeel afgeschreven tot de volgende grote herstelling of groot onderhoud.

Het af te schrijven bedrag wordt lineair afgeschreven over de gebruiksduur van het actief. Het af te schrijven bedrag betreft de aankoopkosten, verminderd met de restwaarde, indien aanwezig. De tabel hierna geeft een overzicht van de gehanteerde gebruiksduur:

Materiële vaste activa
Terreinen n.v.t.
Grondverbeteringen en gebouwen 30 jaar
Fabrieken, machines en apparatuur 10 tot 15 jaar
Meubilair en rollend materieel 4 tot 8 jaar
Overige materiële vaste active 5 jaar
IT apparatuur 3 tot 5 jaar

De gebruiksduur van de machines wordt regelmatig geëvalueerd. Elke keer dat een belangrijke opwaardering wordt uitgevoerd, verlengt een dergelijke opwaardering de gebruiksduur van de machine. De kosten van de opwaardering worden toegevoegd aan de boekwaarde van de machine en de nieuwe boekwaarde wordt prospectief afgeschreven over de resterende geschatte gebruiksduur van de machine.

7.1.8. Leaseovereekomsten

Financiële leases

De Groep heeft leaseovereenkomsten afgesloten voor bepaalde materiële vaste activa. Leaseovereenkomsten van materiële vaste activa, waarbij alle aan de eigendom verbonden risico's en voordelen worden overgedragen aan de Groep, worden ingedeeld als financiële leases. Activa aangehouden onder financiële lease worden opgenomen als activa van de Groep bij de aanvang van de leaseperiode tegen bedragen die gelijk zijn aan de reële waarde van het geleased actief of, indien ze lager zijn, tegen de contante waarde van de minimale leasebetalingen.

Elke aflossing wordt opgesplitst in een terugbetaling van de leasingschuld en een betaling van rente, volgens een verhouding die ervoor zorgt dat er over de volledige looptijd een constante rentelast ontstaat in vergelijking met het openstaande kapitaal. Financiële kosten worden onmiddellijk opgenomen in de resultatenrekening, tenzij ze direct toerekenbaar zijn aan in aanmerking komend activa , in welk geval zij worden gekapitaliseerd. Voorwaardelijke leasebetalingen zijn opgenomen als kosten in de periode waarin ze zich voordoen.

Indien het redelijk zeker is dat de Groep aan het einde van de leaseperiode de eigendom zal verkrijgen, zal het actief worden afgeschreven over de gebruiksduur. In alle andere gevallen wordt het actief afgeschreven over de kortere periode van de gebruiksduur van het actief of de leaseperiode.

Operationele leases

Een leaseovereenkomst wordt ingedeeld als een operationele lease als alle aan de eigendom verbonden risico's en voordelen niet zijn overgedragen aan de huurder. Betalingen uit hoofde van operationele leases (na aftrek van eventuele aanmoedigingspremies van de verhuurder) worden op lineaire basis in rekening gebracht van de resultatenrekening gedurende de looptijd van de huurovereenkomst.

7.1.9. Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa, andere dan goodwill

Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet beschikbaar zijn voor gebruik, worden niet afgeschreven, maar worden jaarlijks aan een test op bijzondere waardevermindering onderworpen.

Andere activa die wel worden afgeschreven, worden onderworpen aan een test op bijzondere waardevermindering wanneer gebeurtenissen of gewijzigde omstandigheden erop wijzen dat de boekwaarde mogelijk niet realiseerbaar is. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt opgenomen voor het bedrag waarmee de boekwaarde van het actief de realiseerbare waarde overschrijdt. De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de reële waarde van een actief, verminderd met de verkoopkosten, en de bedrijfswaarde.

Wanneer een bijzonder waardeverminderingsverlies teruggenomen wordt, wordt de boekwaarde van het actief (of een kasstroomgenererende eenheid) verhoogd tot de herziene schatting van het realiseerbare bedrag, maar zodanig dat de verhoogde boekwaarde de boekwaarde die bepaald zou zijn als er in voorgaande jaren geen bijzonder waardeverminderingsverlies zou zijn opgenomen voor het actief (of kasstroomgenererende eenheid), niet overschrijdt. Een terugneming van een bijzondere waardevermindering wordt onmiddellijk opgenomen in de resultatenrekening.

7.1.10. Voorraden

Voorraden worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van de kostprijs of de opbrengstwaarde. De kostprijs van voorraden moet worden toegerekend volgens de FIFO (first-in, first-out) methode. De kostprijs voor afgewerkte producten en goederen in bewerking omvat de productiekosten, zoals grondstoffen, directe loonkosten, en ook de indirecte productiekosten (productieoverheadkosten gebaseerd op de normale bedrijfscapaciteit). De opbrengstwaarde is de geschatte verkoopprijs in het kader van de normale bedrijfsvoering, verminderd met de variabele kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.

Reserve-onderdelen worden door de Groep opgenomen als vaste activa indien ze naar verwachting zullen gebruikt worden in meer dan één periode en als ze specifiek zijn voor één enkele machine. Als ze naar verwachting niet worden gebruikt in meer dan één periode, of als ze voor meerdere machines kunnen worden gebruikt, worden ze opgenomen als voorraden. Voor de reserve-onderdelen die geclassificeerd zijn als voorraden, maakt de Groep gebruik van bijzondere waardeverminderingsregels op basis van het economische gebruik van deze reserve-onderdelen.

7.1.11. Omzet-erkenning

De kernactiviteit van Ontex Group is de verkoop van goederen. Aldus erkent de Groep de omzet op een bepaald tijdstip wanneer zeggenschap over de goederen wordt overgedragen aan de klant, over het algemeen op moment van levering van de goederen. De Groep verkoopt haar producten rechtstreeks aan haar klanten en via distributeurs of agenten. Dit kan leiden tot een ander tijdstip om opbrengsten te erkennen. Na de levering aan distributeurs heeft de distributeur volledig zeggenschap over de manier van distributie en prijszetting voor de verkoop van goederen, de primaire verantwoordelijkheid over de verkoop van de goederen en draagt de distributeur de risico's op veroudering en verlies met betrekking tot de goederen.

Naast de verkoop van goederen worden afzonderlijke diensten, voornamelijk opleidingen aan klanten of assistentie aan klanten, veelal geleverd over de periode dat de overeenstemmende goederen worden verkocht aan de klant. Transport wordt niet als een afzonderlijke prestatieverplichting beschouwd aangezien zeggenschap over de goederen pas na het transport wordt overgedragen.

Betalingstermijnen kunnen verschillen afhankelijk van de klant, op basis van het kredietrisico en het voorafgaande betalingsgedrag van de klant. Daarnaast heeft de geografische ligging van het bedrijf en de klant een effect op de betalingsvoorwaarden. Er zijn geen belangrijke financieringscomponenten in de transactieprijzen opgenomen en de vergoedingen worden betaald in contanten.

Contracten met klanten bevatten handelskortingen of volumekortingen, die worden toegekend aan de klant indien de geleverde hoeveelheden een bepaalde drempel overschrijden. In deze gevallen omvat de transactieprijs een variabele vergoeding. De impact van de variabele vergoeding op de transactieprijs wordt in rekening gebracht bij de omzeterkenning door het schatten van de waarschijnlijkheid van het realiseren van de korting en dit voor elk contract. Bovendien wordt de geschatte variabele vergoeding slechts opgenomen in de transactieprijs, in de mate dat het zeer waarschijnlijk is dat een belangrijke terugname van het bedrag van de cumulatief erkende opbrengsten niet zal optreden wanneer naderhand de onzekerheid in verband met de variabele vergoeding vervolgens afneemt (het beperken van de variabele vergoeding). Bovendien beoordeelt de Groep alle betalingen aan klanten om te bepalen of deze betalingen betrekking hebben op de opbrengst gegenereerd met de betrokken klant.

Een vordering wordt opgenomen wanneer de goederen worden geleverd aangezien dit het tijdstip is waarop de vergoeding onvoorwaardelijk wordt, omdat enkel het verloop van de tijd vereist is vooraleer de betaling is verschuldigd.

7.1.12. Financiële activa

De financiële activa van de Groep worden ingedeeld in de volgende categorieën: financiële activa tegen reële waarde en financiële activa tegen geamortiseerde kostprijs. De classificatie hangt af van het bedrijfsmodel van de onderneming voor het beheer van de financiële activa en de contractuele bepalingen van de kasstromen. Het management bepaalt de classificatie van de financiële activa bij de initiële opname in de balans.

Reguliere aan- en verkopen van financiële activa worden opgenomen op transactiedatum, d.i. de datum waarop de Groep zich verbindt tot de aan- of verkoop van een actief.

Bij initiële opname waardeert de Groep een financieel actief aan reële waarde plus, voor een financieel actief niet gewaardeerd tegen reële waarde via de winst- of verliesrekening, transactiekosten die rechtstreeks toewijsbaar zijn aan de verwerving van het financieel actief. Transactiekosten die betrekking hebben op financiële activa gewaardeerd aan reële waarde via de winstof verliesrekening, worden in resultaat genomen.

Financiële activa, zoals leningen, handels- en overige vorderingen en geldmiddelen en kasequivalenten worden op basis van de effectieve rentemethode gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, verminderd met eventuele bijzondere waardeverminderingen als deze aangehouden worden voor de inning van contractuele kasstromen waarbij deze kasstromen enkel betalingen in kapitaal en interesten omvatten.

De effectieve-rentemethode is een methode voor het berekenen van de geamortiseerde kostprijs van een schuldinstrument en de toewijzing van rente-inkomsten over de relevante periode. De effectieve rentevoet is de rentevoet die de geschatte toekomstige kasontvangsten (inclusief alle betaalde of ontvangen vergoedingen en prijsfluctuaties die een integraal onderdeel vormen van de effectieve rentevoet, transactiekosten en andere premies of kortingen) over de verwachte levensduur van het schuldinstrument disconteert, of, in voorkomend geval, een kortere periode, tegen de netto boekwaarde bij de eerste opname.

Handels- en overige vorderingen na en binnen een jaar zijn in eerste instantie opgenomen tegen reële waarde en daarna gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs, d.w.z. tegen de netto huidige waarde van het vorderingsbedrag, met behulp van de effectieve rentevoetmethode, na aftrek van voorzieningen voor bijzondere waardevermindering.

De Groep beoordeelt op een toekomstgerichte basis de verwachte kredietverliezen verbonden aan de financiële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs. Voor handelsvorderingen past de Groep de vereenvoudigde benadering voorzien door IFRS 9 Financiële instrumenten, waarbij verwachte kredietverliezen op basis van levensduur worden opgenomen vanaf de initiële opname van de vorderingen.

De hoogte van de voorziening wordt in mindering gebracht op de boekwaarde van het actief en is opgenomen in de resultatenrekening in "verkoop- en marketingkosten".

Handelsvorderingen worden niet meer opgenomen in de balans wanneer (1) de rechten op de kasstromen uit de handelsvorderingen zijn vervallen, (2) de Groep nagenoeg alle risico's en voordelen met betrekking tot de vorderingen heeft overgedragen.

De Groep neemt niet langer een financieel actief op enkel wanneer de contractuele rechten op de kasstromen uit het actief zijn vervallen, of wanneer ze het financiële actief en nagenoeg alle aan de eigendom van het actief verbonden risico's en voordelen overdraagt aan een andere entiteit. Als de Groep nagenoeg alle aan de eigendom van het actief verbonden risico's en voordelen niet overdraagt noch behoudt en toch doorgaat het overgenomen actief te controleren, erkent de Groep haar belang in het actief en de daarbij horende aansprakelijkheid voor bedragen die wellicht door haar betaald moeten worden. Als de Groep nagenoeg alle aan de eigendom van een overgedragen financieel actief verbonden risico's en voordelen behoudt, handhaaft de Groep het financiële actief in de balans en erkent eveneens een gewaarborgde lening voor de ontvangen opbrengsten.

Bij het niet langer opnemen van een financieel actief in zijn geheel wordt het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de som van de ontvangen vergoeding en vordering en de cumulatieve winst of verlies opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten en gecumuleerd in het eigen vermogen, opgenomen via de winst- of verliesrekening.

Bij de verwijdering van een financieel actief anders dan in zijn geheel (bijvoorbeeld wanneer de Groep de optie behoudt om een deel van een overgedragen actief terug te kopen), zal de Groep de vorige boekwaarde van het financieel actief verdelen tussen het deel dat onder de noemer van aanhoudende betrokkenheid nog steeds is opgenomen in de balans, en het deel dat niet meer is opgenomen op basis van de relatieve reële waarde van die delen op de overdrachtdatum. Het verschil tussen de boekwaarde toegewezen aan het deel dat niet meer is opgenomen in de balans en de som van de ontvangen vergoeding ervoor en alle eraan toegewezen cumulatieve winst of verlies opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat, wordt opgenomen in de winst- of verliesrekening. Een cumulatieve winst of verlies opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat wordt verdeeld tussen het deel dat is opgenomen in de balans en het deel dat niet meer is opgenomen op basis van de relatieve reële waarde van die delen.

7.1.13. Geldmiddelen en kasequivalenten

Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten contanten, onmiddellijk opvraagbare deposito's bij banken en overige kortlopende, zeer liquide beleggingen met een oorspronkelijke looptijd van drie maanden of minder. Bankschulden worden in de balans opgenomen onder de kortlopende leningsverplichtingen.

7.1.14. Kapitaal

Gewone aandelen worden geclassificeerd als eigen vermogen. Indien een onderneming van de Groep maatschappelijk kapitaal (eigen aandelen) van de vennootschap koopt, wordt de betaalde vergoeding in mindering gebracht op het eigen vermogen toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap totdat de aandelen worden geschrapt of opnieuw worden uitgegeven. Kosten die direct toewijsbaar zijn aan de uitgifte van nieuwe aandelen worden in het eigen vermogen opgenomen in mindering van de opbrengsten, na aftrek van belastingen.

Financiële instrumenten, zoals de Convertible Preferred Equity Certificates (CPEC's), worden of opgenomen als financiële verplichtingen of als eigen vermogen. Het financiële instrument is opgenomen in het eigen vermogen enkel en alleen als het instrument geen contractuele verplichting heeft om geldmiddelen of een ander financieel actief te leveren, of om financiële activa of verplichtingen uit te wisselen onder voorwaarden die mogelijk nadelig kunnen zijn voor de Groep, en als het instrument kan of zal worden afgewikkeld in een vast aantal van de eigen vermogensinstrumenten van de Groep.

7.1.15. Overheidssubsidies

Subsidies van overheden zijn opgenomen tegen hun reële waarde wanneer er een redelijke zekerheid is dat de subsidie zal worden ontvangen en de Groep alle bijbehorende voorwaarden zal naleven.

Overheidssubsidies met betrekking tot terreinen, gebouwen, machines en installaties worden in mindering gebracht op de kostprijs van de activa waarop ze betrekking hebben en worden lineair opgenomen in de resultatenrekening gedurende de verwachte gebruiksduur van de desbetreffende activa.

7.1.16. Personeelsbeloningen

Kortetermijnpersoneelsbeloningen

Kortetermijnpersoneelsbeloningen zijn in de resultatenrekening opgenomen als een kost in de periode waarin de diensten zijn geleverd. Elke onbetaalde beloning is in de balans opgenomen onder de kortlopende Personeelsbeloningen.

Vergoedingen na uitdiensttreding

De entiteiten binnen de Groep hebben verschillende pensioenregelingen. Het merendeel van de regelingen zijn niet volledig gefinancierd. Sommige regelingen worden gefinancierd via betalingen aan verzekeringsmaatschappijen of pensioenfondsen, bepaald door periodieke actuariële berekeningen. De Groep heeft zowel toegezegde- bijdragenregelingen als toegezegdepensioenregelingen Een toegezegde-bijdrageregeling is een pensioenregeling waarbij de Groep vaste bijdragen betaalt aan een afzonderlijke entiteit. De Groep heeft geen in rechte afdwingbare verplichting, noch een feitelijke verplichting om de bijdragen voort te zetten als het fonds niet over voldoende activa beschikt om alle werknemers in de beloningen te voorzien die verband houden met de geleverde dienstprestaties van de werknemer in de huidige en voorgaande perioden. Een toegezegdepensioenregeling is een pensioenregeling die geen toegezegde-bijdrageregeling is. Een typisch toegezegde-pensioenregeling bevat het pensioenbedrag dat een werknemer op moment van pensionering zal ontvangen en is gewoonlijk afhankelijk van één of meerdere factoren zoals leeftijd, aantal jaren dienst en het loonpakket.

De verplichting die in de balans met betrekking tot toegezegde-pensioenregelingen is opgenomen, is de contante waarde van de toegezegde-pensioensregelingen aan het eind van de rapporteringsperiode verminderd met de reële waarde van de opgebouwde fondsbeleggingen van de pensioenregeling. De toegezegde pensioenregeling wordt jaarlijks berekend door onafhankelijke actuarissen volgens de 'projected unit credit'-methode. De contante waarde van de toegezegde pensioenregelingen wordt bepaald door de geschatte toekomstige uitgaande kasstromen te verdisconteren met behulp van rentevoeten van bedrijfsobligaties van hoge kwaliteit die zijn aangeduid in de valuta waarin de beloningen betaald worden, en die looptijden hebben die de looptijd van de gerelateerde pensioenverplichting benaderen. In landen waar niet voldoende marktpenetratie is voor dergelijke obligaties, wordt de marktrente op staatsobligaties gebruikt.

Actuariële winsten en verliezen als gevolg van aanpassingen en wijzigingen in de actuariële veronderstellingen worden opgenomen ten laste of ten gunste van de niet gerealiseerde resultaten in de periode waarin zij zich voordoen.

Pensioenkosten verbonden aan de verstreken diensttijd zijn direct opgenomen in de winst- en verliesrekening. De netto rentekosten met betrekking tot de toegezegde- pensioenregelingen zijn opgenomen in de financiële kosten.

Voor toegezegde-bijdrageregelingen betaalt de Groep bijdragen aan openbaar of particulier beheerde pensioenverzekeringen op verplichte, contractuele of vrijwillige basis. De Groep heeft geen verdere betalingsverplichtingen nadat de bijdragen zijn betaald. De premies zijn opgenomen als kosten voor personeelsbeloningen wanneer ze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde bijdragen zijn opgenomen als actief voor zover een terugbetaling in contanten of een vermindering van de toekomstige betalingen verwacht wordt.

Langetermijnpersoneelsbeloningen

Niet-gefinancierde verplichtingen die voortvloeien uit langlopende personeelsbeloningen zijn opgenomen door gebruik te maken van de 'projected unit credit'-methode.

Ontslagvergoedingen

Ontslagvergoedingen zijn opgenomen als een verplichting wanneer de Groep zich aantoonbaar heeft verbonden tot de beëindiging van het dienstverband van een werknemer of een groep van werknemers vóór de normale pensioendatum. De Groep is alleen aantoonbaar verbonden tot beëindiging van het dienstverband wanneer het gaat over een gedetailleerd formeel plan voor de vroegtijdige beëindiging en er geen realistische mogelijkheid bestaat voor de intrekking ervan. Ontslagvergoedingen van lange termijn worden geactualiseerd met behulp van dezelfde disconteringsvoet als hierboven gebruikt voor toegezegde-pensioenregelingen.

7.1.17. Op aandelen gebaseerde betalingen

De Groep heeft een op aandelen gebaseerd compensatieplan dat in eigen-vermogensinstrumenten wordt afgewikkeld en dat bestaat uit aandelenopties (verder "Opties" genoemd) en voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (verder "RSU's - Restricted Stock Units genoemd). Voor toekenningen van opties en RSU, wordt de reële waarde van de verkregen diensten van de werknemer bepaald op basis van de reële waarde van de toegekende aandelen en aandelenopties op datum van toekenning. De Groep neemt de reële waarde van de diensten die werden ontvangen in ruil voor de toekenning van de opties op als kost met een overeenstemmende toename van het eigen vermogen over de wachtperiode. De reële waarde van de toegekende opties wordt bepaald aan de hand van waarderingsmodellen waarbij rekening wordt gehouden met parameters als de uitoefenprijs van de optie, de aandelenprijs op moment van de toekenning van de optie, de risicovrije rentevoet voor de looptijd van de optie, de verwachte volatiliteit van de aandelenprijs over de looptijd van de optie en andere belangrijke factoren. Met de voorwaarden die bepalen of de entiteit de diensten ontvangt die de tegenpartij op grond van een op aandelen gebaseerde betalingsovereenkomst recht geven op ontvangst van eigen-vermogensinstrumenten van de entiteit ("vesting conditions") wordt enkel rekening gehouden voor de bepaling van de reële waarde als het marktgerelateerde voorwaarden betreft. Niet marktgerelateerde "vesting conditions" worden in aanmerking genomen door het aantal aandelen of aandelenopties aan te passen welke zijn opgenomen in de bepaling van de kost van de werknemerprestaties zodat uiteindelijk het bedrag dat opgenomen wordt in de resultatenrekening het aantal "vested" aandelen of aandelenopties weerspiegelt.

Op elke balansdatum herziet de entiteit haar schatting van het aantal opties die verwacht worden uitgeoefend te worden en neemt zij de impact van deze herzieningen, indien van toepassing, op in de resultatenrekening en een overeenstemmende aanpassing van het eigen vermogen over de resterende wachtperiode ("vesting period").

Wanneer de opties uitgeoefend worden, worden de verkregen opbrengsten netto van de direct toewijsbare transactiekosten gecrediteerd ten opzichte van het aandelenkapitaal (nominale waarde) en de uitgiftepremie.

De sociale zekerheidsbijdragen die te betalen zijn in verband met de toekenning van de aandelenopties worden beschouwd als een integraal deel van de toekenning zelf en de kost wordt behandeld als een in geldmiddelen afgewikkelde transactie.

7.1.18. Voorzieningen

Voorzieningen zijn opgenomen in de balans wanneer (I) de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft als gevolg van gebeurtenissen in het verleden; (II) het waarschijnlijk is dat een betaling vereist zal zijn om de verplichting af te wikkelen; (III) en het bedrag op betrouwbare wijze kan geschat worden. Waar er meerdere gelijkaardige verplichtingen zijn, wordt de waarschijnlijkheid dat er een betaling vereist zal zijn, gebaseerd op de categorie van de verplichtingen in zijn geheel.

Voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting nodig zijn om de verplichting af te wikkelen met behulp van een disconteringsvoet, vóór belastingen, die de huidige marktcondities van de tijdswaarde van geld en de specifieke risico's van de verplichting goed weergeeft. De toename van de voorziening door het verstrijken van tijd is in de balans opgenomen als zijnde financiële kosten.

Als de Groep een verlieslatend contract heeft, wordt dit in de balans opgenomen als een voorziening. Voorzieningen voor herstructurering omvatten boetes voor het beëindigingen van lease overeenkomsten en ontslagvergoedingen voor werknemers. Voorzieningen voor toekomstige exploitatieverliezen zijn niet opgenomen in de balans.

Een voorziening voor herstructurering wordt alleen opgenomen als de Groep op de balansdatum een feitelijke verplichting kan aantonen om te herstructureren. De feitelijke verplichting moet worden aangetoond door: (a) een gedetailleerd formeel plan waarin de hoofdelementen van de herstructurering zijn vastgelegd, en (b) het wekken van een geldige verwachting bij de betrokkenen dat de herstructurering zal worden doorgevoerd door een aanvang te nemen met de uitvoering van het plan of door de hoofdlijnen ervan mee te delen aan de betrokkenen.

7.1.19. Winstbelastingen

Winstbelasting is de som van de verschuldigde actuele en uitgestelde belastingverplichtingen.

De verschuldigde actuele winstbelastingskost is berekend op basis van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces materieel is afgesloten tegen het einde van de rapporteringsperiode in de landen waar de dochterondernemingen van de Groep actief zijn en belastbaar inkomen genereren. Zoals bepaald in IAS 12 §46 "Winstbelastingen", evalueert het management op periodieke wijze de ingenomen posities in de belastingaangiften met betrekking tot situaties waarin de geldende fiscale wetgeving onderhevig is aan interpretatie en stelt waar nodig bijkomende verplichtingen op die gebaseerd zijn op de verwachte bedragen die verschuldigd zijn aan de belastingautoriteiten. Deze evaluatie gebeurt voor alle fiscale periodes die nog kunnen gecontroleerd worden door de bevoegde instanties.

Uitgestelde belastingvorderingen en verplichtingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zijn op de periode waarin de vordering wordt gerealiseerd of de verplichting wordt afgewikkeld, op basis van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces materieel is afgesloten tegen het einde van de rapporteringsperiode.

Uitgestelde belastingvorderingen en verplichtingen voor tijdelijke verschillen tussen de fiscale boekwaarde van activa en verplichtingen en hun boekwaarde in de geconsolideerde jaarrekening zijn opgenomen in de balans.

Uitgestelde belastingverplichtingen zijn echter niet opgenomen in de balans voor:

  • de eerste opname van goodwill;
  • de eerste opname van een actief of verplichting in een transactie anders dan een bedrijfscombinatie die op het moment van de transactie geen invloed heeft op de commerciële winst of de fiscale winst (het fiscaal verlies);
  • uitgestelde belastingvorderingen voor tijdelijke verschillen die ontstaan op investeringen in dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen, behalve voor uitgestelde belastingverplichtingen waarbij het tijdstip van de terugname van het tijdelijke verschil onder controle staat van de Groep en het waarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil niet zal worden teruggeboekt in de voorzienbare toekomst, zijn opgenomen in de balans.

Uitgestelde belastingverplichtingen zijn doorgaans opgenomen in de balans voor alle belastbare tijdelijke verschillen.

Uitgestelde belastingvorderingen voor alle aftrekbare tijdelijke verschillen zijn doorgaans opgenomen, in die mate dat het waarschijnlijk is dat er belastbare winst beschikbaar zal zijn waarmee die aftrekbare tijdelijke verschillen kunnen worden gecompenseerd.

De boekwaarde van uitgestelde belastingvorderingen wordt beoordeeld aan het einde van elke rapporteringsperiode en verminderd voor zover het niet langer waarschijnlijk is dat voldoende belastbare winsten beschikbaar zullen zijn om het hele actief of een deel ervan terug te vorderen.

Uitgestelde belastingvorderingen worden berekend op het niveau van elke fiscale entiteit in de groep. De Groep is in staat om de uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen te vereffenen indien de uitgestelde belastingvorderingen betrekking hebben op belastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit.

7.1.20. Financiële verplichtingen

Financiële verplichtingen (inclusief leningen en handels- en overige schulden) worden geklasseerd als tegen geamortiseerde kostprijs, behalve voor afgeleide financiële instrumenten (zie 7.1.21. hieronder).

Leningen worden initieel opgenomen tegen reële waarde na aftrek van transactiekosten. Leningen worden vervolgens geëvalueerd tegen geamortiseerde kostprijs; elk verschil tussen de opbrengst (na aftrek van transactiekosten) en de aflossingswaarde is opgenomen in de jaarrekening over de looptijd van de lening op basis van de effectieve-rentemethode. Leningen worden geclassificeerd als kortlopende verplichtingen tenzij de Groep een onvoorwaardelijk recht heeft om de afwikkeling van de verplichting tot ten minste 12 maanden uit te stellen na het einde van de verslagperiode.

De effectieve-rentemethode is een methode voor het berekenen van de geamortiseerde-kostprijs van een financiële verplichting en de toewijzing van interestkosten over de relevante periode. De effectieve rentevoet is de rentevoet die de geschatte toekomstige betalingen (inclusief alle betaalde of ontvangen vergoedingen en prijsfluctuaties die een integraal onderdeel vormen van de effectieve rentevoet, transactiekosten en andere premies of kortingen) gedurende de verwachte levensduur van de financiële verplichting verdisconteert, of, in voorkomend geval, een kortere periode, tegen de netto boekwaarde bij de eerste opname.

Wanneer een financiële verplichting die gewaardeerd is aan geamortiseerde kostprijs wordt aangepast zonder dat dit resulteert in een niet meer opname van de verplichting, zal een winst of verlies geboekt worden in de resultatenrekening. De winst of het verlies wordt berekend als het verschil tussen de oorspronkelijke contractuele kasstromen en de aangepaste, verdisconteerde kasstromen aan de oorspronkelijke, reële intrestvoet.

Een beperkt deel van de handelsschuld is onderhevig aan omgekeerde factoring. Als de belangrijkste risico's en voordelen van de handelsschuld bij de Groep blijven, is de financiële verplichting niet verwijderd uit de handelsschuld.

7.1.21. Afgeleide financiële instrumenten

De Groep beschikt over een verscheidenheid aan afgeleide financiële instrumenten om de blootstelling aan rente- en valutarisico's en grondstofrisico's te beheersen, waaronder valutatermijncontracten, contracten voor de indekking van grondstofprijzen en rente-CAP's en SWAP's en een total return swap.

Derivaten worden boekhoudkundig verwerkt in overeenstemming met IFRS 9. Derivaten zijn initieel opgenomen tegen reële waarde op de datum waarop de derivatencontracten zijn aangegaan, en worden vervolgens geherwaardeerd tegen hun reële waarde aan het einde van elke rapporteringsperiode. De resulterende opbrengsten of kosten worden onmiddellijk opgenomen in de winst- of verliesrekening, tenzij het derivaat bedoeld is en effectief is als indekkingsinstrument, in welk geval de timing van de opname in de winst- of verliesrekening afhangt van de aard van de indekkingsrelatie.

De reële waarde van de verschillende afgeleide instrumenten wordt gerapporteerd in toelichting 7.4 "Financiële instrumenten en het beheer van financiële risico's". De volledige reële waarde van een derivaat wordt geclassificeerd als een langlopend actief of verplichting wanneer de resterende looptijd van het onderliggende ingedekte element langer is dan 12 maanden en als vlottend actief of verplichting wanneer de resterende looptijd van het onderliggende ingedekte element korter is dan 12 maanden.

Als er geen hedge accounting wordt toegepast, neemt de Groep alle opbrengsten en kosten die voortvloeien uit wijzigingen in de reële waarden van de derivaten op in de geconsolideerde resultatenrekening in "Overige bedrijfsopbrengsten/kosten" als ze betrekking hebben op bedrijfsactiviteiten, en in "Financiële inkomsten" of "Financiële kosten" als ze betrekking hebben op de financieringsactiviteiten van de Groep (bv. renteswaps met betrekking tot de leningen met variabele rente).

Financiële activa en verplichtingen worden gecompenseerd en het nettobedrag wordt in de balans gerapporteerd wanneer er een juridisch afdwingbaar recht bestaat om de opgenomen bedragen te compenseren en er de intentie is om het actief op een netto basis af te wikkelen of te realiseren, en de verplichting tegelijkertijd af te wikkelen.

7.1.22. Hedge accounting

De Groep duidt bepaalde indekkingsinstrumenten aan als kasstroomindekkingen als ze derivaten omvatten ten aanzien van vreemde valutarisico's en grondstoffen. Indekkingen van vreemde valutarisico's op vaststaande toezeggingen worden boekhoudkundig verwerkt als kasstroomindekkingen.

Bij de aanvang van de indekkingsrelatie documenteert de entiteit de relatie tussen het indekkingsinstrument en de ingedekte post, samen met de risicobeheerdoelstellingen en strategie voor het ondernemen van verschillende indekkingstransacties. Bovendien documenteert de Groep bij het aangaan van de indekking en op een continue basis of het indekkingsinstrument zeer effectief is bij de compensatie van wijzigingen in de reële waarde, of kasstromen van de ingedekte post toerekenbaar aan het ingedekte risico.

Het effectieve deel van wijzigingen in de reële waarde van derivaten die aangeduid worden en in aanmerking komen als kasstroomindekkingen, wordt opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat en gecumuleerd onder de noemer van kasstroom indekkingsreserve. De opbrengsten of kosten met betrekking tot het niet-effectieve deel worden onmiddellijk opgenomen in de winst- of verliesrekening, en zijn ondergebracht in de post "overige bedrijfsopbrengsten/(kosten)".

Bedragen die voorheen waren opgenomen in de overige elementen van hettotaalresultaat en gecumuleerd werden in het eigen vermogen, worden geherclassificeerd naar de winst- of verliesrekening in de periodes wanneer de ingedekte post is opgenomen in de winst- of verliesrekening, in dezelfde regel van de geconsolideerde resultatenrekening als de opgenomen ingedekte post. Echter, wanneer de ingedekte verwachte transactie resulteert in de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting, worden de opbrengsten en kosten die voorheen waren opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat en gecumuleerd in het eigen vermogen, overgebracht van het eigen vermogen en opgenomen in de initiële waardering van de kosten van het niet-financieel actief of de niet-financiële verplichting.

Hedge accounting wordt niet verder gezet wanneer de Groep de indekkingsrelatie herroept, wanneer het indekkingsinstrument afloopt of is verkocht, beëindigd of uitgeoefend, of wanneer het niet meer in aanmerking komt voor hedge accounting. Alle baten of lasten, opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat, blijven in het eigen vermogen en zijn opgenomen in de balans wanneer de verwachte transactie uiteindelijk is opgenomen in winst of verlies. Als een toekomstige transactie niet langer waarschijnlijk blijkt, worden de baten of lasten gecumuleerd in het eigen vermogen direct opgenomen in de winst- of verliesrekening.

7.1.23. Operationele segmenten

De activiteiten van de Groep bevinden zich in één segment. Er zijn geen andere belangrijke klassen van bedrijfsactiviteiten, noch individueel noch gezamenlijk. Het hoogstgeplaatste orgaan dat belangrijke operationele beslissingen neemt, de Raad van Bestuur, herziet de bedrijfsresultaten (gedefinieerd als EBITDA) en operationele plannen en wijst middelen toe voor de hele onderneming; dus de Groep opereert als één segment.

7.1.24. Kasstroomoverzicht

De kasstromen van de Groep worden gepresenteerd volgens de indirecte methode. Deze methode reconcilieert de mutatie van kasstromen voor de rapporteringsperiode door de nettowinst van het jaar voor alle niet-kas posten en wijzigingen in werkkapitaal aan te passen, en investerings- en financieringskasstromen voor de rapporteringsperiode te identificeren.

7.2. ALTERNATIEVE PERFORMANTIE-INDICATOREN

Alternatieve performantie-indicatoren (niet-IFRS maatstaven) worden opgenomen in de financiële rapportering omdat het management ervan overtuigd is dat deze veel gebruikt worden door bepaalde investeerders, beursanalisten en andere belanghebbenden als bijkomende maatstaf voor het beoordelen van prestaties en liquiditeit. De alternatieve performantieindicatoren kunnen in sommige gevallen niet vergelijkbaar zijn met gelijkaardig genoemde indicatoren van andere ondernemingen en hebben hun beperkingen als analytisch instrument. Ze mogen niet afzonderlijk beschouwd worden of ter vervanging van de analyse van onze operationele resultaten, onze performantie of onze liquiditeit onder IFRS.

7.2.1. Niet-recurrente opbrengsten en kosten

De componenten die opgenomen zijn onder de rubriek niet-recurrente opbrengsten en kosten zijn deze componenten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de gewone bedrijfsactiviteiten van de Groep. Deze opbrengsten en kosten worden afzonderlijk gepresenteerd omdat ze belangrijk zijn voor een goed begrip door de gebruikers van de geconsolideerde jaarrekening van de "normale" prestaties van de Groep vanwege hun omvang of aard. De niet-recurrente opbrengsten en kosten hebben betrekking op:

  • Kosten verbonden aan overnames;
  • Wijzigingen in de waardering van de voorwaardelijke vergoedingen in het kader van bedrijfscombinaties;
  • Herstructureringskosten, met inbegrip van kosten die betrekking hebben op de vereffening van dochterondernemingen en de sluiting, opening of verplaatsing van fabrieken;
  • Bijzondere waardeverminderingen op activa.

Niet-recurrente opbrengsten en kosten van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december bestaan uit volgende componenten in de geconsolideerde resultatenrekening en kunnen gereconcilieerd worden in toelichting 7.23:

  • Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur; en
  • Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen.

7.2.2. EBITDA en recurrente EBITDA

EBITDA wordt gedefinieerd als netto resultaat vóór aftrek van netto financiële kosten, winstbelastingen, afschrijvingen. Recurrente EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA plus niet-recurrente opbrengsten en kosten.

De aansluiting van de EBITDA en de recurrente EBITDA van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december is als volgt:

In miljoen € Boekjaar
2018 2017
Bedrijfsresultaat 152,8 208,3
Afschrijvingen 56,9 53,7
EBITDA 209,7 262,0
Niet-recurrente opbrengsten en kosten 24,3 4,4
Recurrente EBITDA 234,0 266,4

7.2.3. Netto financiële schuld/ LTM Recurrente EBITDA ratio (Leverage)

Netto financiële schuld wordt berekend door de korte termijn- en lange termijnschuld op te tellen en de geldmiddelen en kasequivalenten af te trekken.

LTM recurrente EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA plus niet-recurrente opbrengsten en kosten voor de laatste twaalf maanden (LTM).

De Netto financiële schuld/LTM Recurrente EBITDA ratio van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december worden weergegeven in Toelichting 7.4 'Kapitaalbeheer'.

7.2.4. Recurrente Vrije Kasstroom

Recurrente Vrije kasstroom wordt berekend als Recurrente EBITDA minus investeringsuitgaven (Investeringsuitgaven gedefinieerd als aankopen van materiële vaste activa en immateriële activa), minus de wijzigingen in werkkapitaal en minus betaalde winstbelastingen.

De recurrente vrije kasstroom van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december is als volgt:

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Bedrijfsresultaat 152,8 208,3
Afschrijvingen 56,9 53,7
EBITDA 209,7 262,0
Niet-recurrente opbrengsten en kosten 24,3 4,4
Recurrente EBITDA 234,0 266,4
Wijzigingen in werkkapitaal
Voorraden (39,9) (8,3)
Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen 24,5 (56,4)
Handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden 4,3 26,1
Investeringsuitgaven (103,8) (111,9)
Recurrente vrije kasstroom (vóór winstbelastingen) 119,1 115,9
Betaalde winstbelastingen (39,1) (44,9)
Recurrente vrije kasstroom (na winstbelastingen) 80,0 71,0

7.2.5. Recurrente gewone winst & recurrente gewone winst per aandeel

Recurrente gewone winst wordt gedefinieerd als winst voor de periode plus niet-recurrente opbrengsten en kosten en belastingseffect op niet-recurrente opbrengsten en kosten, toewijsbaar aan de aandeelhouders van de Groep. Recurrente gewone winst per aandeel is recurrente gewone winst gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.

De recurrente gewone winst per aandeel voor de perioden eindigend op 31 december worden weergegeven in toelichting 7.15 'Winst per Aandeel'.

7.2.6. Werkkapitaal

De componenten van ons werkkapitaal zijn de voorraden plus de handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen plus handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden.

7.2.7. Alternatieve performantie-indicatoren opgenomen in de persberichten en andere gereglementeerde informatie

Pro-forma omzet aan constante wisselkoersen

Pro-forma omzet aan constante wisselkoersen wordt gedefinieerd als de omzet voor de periode van 12 maanden op datum van rapportering aan de wisselkoersen van vorig jaar en inclusief de impact van Fusies en Acquisities.

Omzet op vergelijkbare basis (LFL)

Omzet op vergelijkbare basis of LFL (Like-for-like) wordt gedefinieerd als de omzet aan constante wisselkoers exclusief wijzigingen in de consolidatiekring of Fusies en Acquisities

Recurrente gewone winst voor de periode

Recurrente gewone winst wordt gedefinieerd als Winst voor de periode plus niet-recurrente opbrengsten en kosten en belastingseffect op niet-recurrente opbrengsten en kosten, toewijsbaar aan de aandeelhouders van de Groep.

Recurrente EBITDA marge

Recurrente EBITDA marge is recurrente EBITDA gedeeld door de omzet.

7.3. KAPITAALBEHEER

De doelstellingen van de Groep met betrekking tot het beheren van kapitaal zijn er op gericht om de continuïteit van het bedrijf te garanderen met als doel de creatie van aandeelhouderswaarde.

De Groep bewaakt het kapitaal op basis van de netto schuldpositie. De netto schuldpositie van de Groep wordt berekend door alle kortlopende en langlopende rentedragende schulden bij elkaar op te tellen en daar de beschikbare kortlopende liquide middelen van af te trekken.

De netto schuldpositie van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december is als volgt:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Langlopende rentedragende schulden 786,6 772,0
Kortlopende rentedragende schulden 104,0 69,9
Overige kortlopende financiële schulden - 20,8
Geldmiddelen en kasequivalenten (130,6) (118,5)
Totale netto schuldpositie 760,0 744,2
LTM recurrente EBITDA 234,0 266,4
Netto financiële schuldpositie/LTM Recurrente EBITDA Ratio 3,25 2,79

7.4. KRITISCHE BOEKHOUDKUNDIGE INSCHATTINGEN EN BEOORDELINGEN

De in de geconsolideerde jaarrekening gepresenteerde bedragen impliceren het gebruik van inschattingen en veronderstellingen aangaande de toekomst. Inschattingen en beoordelingen worden voortdurend herzien en zijn gebaseerd op historische ervaringen en andere factoren, zoals verwachtingen betreffende toekomstige gebeurtenissen waarvan wordt aangenomen dat ze redelijk zijn in de desbetreffende omstandigheden. De werkelijke bedragen kunnen afwijken van deze inschattingen. De inschattingen en veronderstellingen die van invloed zouden kunnen zijn op de geconsolideerde jaarrekening worden hieronder besproken:

7.4.1. Income taxes

De Groep heeft fiscale verliezen en andere belastingskredieten die gebruikt kunnen worden om toekomstige belastbare winsten te verrekenen, voornamelijk in België, Brazilië, Frankrijk en Spanje voor een bedrag van 378,4 miljoen € per 31 december 2018 (401,9 miljoen € op 31 december 2017).

Zoals aangekondigd in de jaarrekening van vorig jaar, heeft de Europese Commissie (EC) het Belgisch fiscale regime van "Excess Profit tax Rulings" (EPR) in vraag gesteld. Volgens de Commissie is dit regime een vorm van ongeoorloofde staatssteun. Ontex, meer bepaald haar Belgische dochtervennootschap Ontex BVBA, had een "Excess Profit Ruling" voor de jaren 2011-2015. Ontex heeft beroep aangetekend tegen de EC beslissing. Het Europees Hof van Justitie heeft op 14 februari 2019 uitspraak gedaan over de zaak van de Belgische Staat tegen de EC en Magnetrol International tegen de EC. Het Hof vernietigt de beslissing van de Commissie omdat de Commissie het systeem van de EPR ten onrechte als staatssteun beschouwt. Bijgevolg wordt het stelsel van EPR op dit moment rechtsgeldig verklaard, had de Belgische Staat het recht om de verschillende EPRs toe te kennen en had Ontex BVBA het recht om het stelsel toe te passen op de jaren 2011-2015. De Commissie kan beroep aantekenen tegen het arrest van het Hof binnen de twee maanden na de mededeling van de uitspraak.

Ontex had de impact van de beslissing van de Commissie volledig in rekening genomen in zijn belastingspositie. Aangezien de uitkomst nog niet duidelijk is, zal Ontex de beslissing van de Commissie om al dan niet beroep aan te tekenen, afwachten en zal momenteel dus de betreffende voorzieningen nog niet laten vrijvallen. Als er beroep wordt aangetekend, dan is de verwachting dat de procedure een tijd zal duren vooraleer het Europees Hof een uitspraak zal doen met betrekking tot het beroep en zal de uitkomst niet gekend zijn tot dat moment.

De Groep heeft slechts voor 76,5 miljoen € aan fiscale verliezen en andere belastingskredieten opgenomen als uitgestelde belastingvorderingen van de 378,4 miljoen € vermeld hierboven. De waardering van dit actief is afhankelijk van een aantal belangrijke beoordelingen met betrekking tot toekomstige waarschijnlijke belastbare winst van verschillende dochterondernemingen van de Groep die actief zijn in verschillende rechtsgebieden. Deze schattingen worden zorgvuldig gemaakt en gebaseerd op de kennis op dat moment.

7.4.2. Bedrijfscombinaties

Voor bedrijfscombinaties dient de Groep veronderstellingen en inschattingen te maken om de toewijzing van de aankoopprijs van de overgenomen activiteit te kunnen bepalen. Teneinde dit te doen, moet de Groep op overnamedatum de reële waarde bepalen van de identificeerbare verworven activa en de aangegane verplichtingen. Deze veronderstellingen en inschattingen hebben een impact op de bedragen van de activa en verplichtingen die worden opgenomen in de balans op overnamedatum. Bovendien vereisen de bepaling van de verwachte gebruiksduur van de verworven materiële vaste activa, de identificatie van andere immateriële activa en de bepaling van hetzij onbeperkte of beperkte gebruiksduur van andere immateriële activa, een aanzienlijke graad van inschatting en zal dit een impact hebben op de winst of verlies van de Groep.

7.4.3. Bijzondere waardeverminderingsverliezen

De Groep test jaarlijks of de goodwill een bijzondere waardeverminderingsverlies heeft ondergaan in overeenstemming met de grondslagen voor financiële verslaggeving opgenomen in toelichting 7.1.4 "Goodwill". Deze test op bijzondere waardeverminderingsverliezen van goodwill heeft geen bijzondere waardeverminderingsverliezen tot gevolg gehad in 2018 (2017: nihil).

De realiseerbare waarden van kasstroomgenererende eenheden (KGE's) worden bepaald op basis van berekeningen van de bedrijfswaarde. Deze berekeningen vereisen het gebruik van inschattingen en veronderstellingen, met ingerip van macroeconomische omstandigheden, de vraag en concurrentie op de markten waarop we actief zijn, het productaanbod, de proiductmix en prijszetting, de beschikbaarheid en de kostprijs van grondstoffen, directe en indirecte kosten, de operationele marges, groeivoeten, investeringsuitgaven en werkkapitaal... zoals weerhouden in de financiële budgetten en de strategische plannen van Ontex, alsook de disconteringsvoeten. Voor meer informatie met betrekking tot de uitgevoerde test op bijzondere waardevermindering verwijzen we naar toelichting 7.9 "Goodwill en Immateriële activa". De gebruikte disconteringsvoeten worden hieronder samengevat:

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Disconteringsvoet voor belastingen
Mature Market Retail 7,1% 6,6%
Growth Markets 12,7% 11,2%
Healthcare 6,7% 6,0%
Middle East North Africa 11,7% 13,8%
Americas Retail 9,5% 10,5%

Een sensitiviteitsanalyse wijst dat de realiseerbare waarde van Mature Market Retail, Growth Markets, Healthcare, Middle East North Africa en Americas Retail zou overeenstemmen met hun boekwaardes als de disconteringsvoet voor belastingen van de KGE's respectievelijk 12,7%; 23,2%; 19,1%; 18,4% en 10,7% zou bedragen, met alle andere parameters constant gehouden.

Zoals vermeld in toelichting 7.9, worden kasstromen over een periode van meer dan drie jaar geëxtrapoleerd op basis van een groeivoet van 1,0% voor de Mature Market Retail, 2,0% voor Growth Markets, 2,0% voor Healthcare, 3,0% voor MENA en 3,6% voor Americas Retail. Dezelfde percentages worden gebruikt als oneindige groeivoeten. Management heeft deze groeivoeten bepaald en deze overschrijden de huidige marktverwachtingen voor de markten waarin de vijf KGE's actief zijn niet. Indien het groeipercentage voor één van de KGE's daalt met 40%, hoeft er geen bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen te worden.

Als de geschatte operationele marges zouden dalen met 10%, dan zou er geen bijzonder waardeverminderingsverlies moeten opgenomen worden.

Toekomstige kasstromen zijn inschattingen die waarschijnlijk in toekomstige perioden worden herzien als gevolg van wijzigingen in onderliggende veronderstellingen. De belangrijkste veronderstellingen die de waarde van de goodwill beïnvloeden, zijn o.a. langlopende rentevoeten en andere marktgegevens. Zouden de veronderstellingen ongunstig evolueren in de toekomst, dan kan de bedrijfswaarde van de goodwill afnemen tot onder de boekwaarde. Op basis van de huidige waarderingen lijkt er voldoende ruimte te zijn om een normale variatie in de onderliggende veronderstellingen te kunnen absorberen.

7.4.4. Verwachte gebruiksduur

De verwachte gebruiksduur van materiële vaste activa en immateriële activa moet worden geschat. De bepaling van de gebruiksduur van de activa is gebaseerd op het oordeel van het management. De gebruiksduur wordt elk jaar, aan het eind van het boekjaar, opnieuw herzien in overeenstemming met IAS 16 en IAS 38.

7.4.5. Reële waarde van afgeleide financiële instrumenten en andere financiële instrumenten

De reële waarde van financiële instrumenten die niet worden verhandeld op een actieve markt (bijvoorbeeld vrij verkrijgbare derivaten) wordt bepaald met behulp van waarderingstechnieken. De Groep gebruikt haar kennis om een verscheidenheid aan methoden te hanteren en om veronderstellingen te doen die voornamelijk gebaseerd zijn op bestaande marktomstandigheden aan het einde van elke rapporteringsperiode. Alle afgeleide financiële instrumenten zijn in overeenstemming met IFRS 7, niveau 2. Dit betekent dat er waarderingsmethoden worden gebruikt waarvoor alle inputs die een significante invloed hebben op de geboekte reële waarde waarneembaar zijn in de markt, hetzij direct of indirect.

7.4.6. Personeelsbeloningen

De boekwaarde van de verplichtingen van de Groep met betrekking tot personeelsbeloningen wordt bepaald op een actuariële basis rekening houdende met bepaalde veronderstellingen. Een van de belangrijkste toegepaste veronderstellingen bij de bepaling van de netto kosten van de toegekende beloningen is de disconteringsvoet. Elke wijziging van deze veronderstelling zal van invloed zijn op de boekwaarde van deze verplichtingen.

De disconteringsvoet is afhankelijk van de looptijd van de beloning, d.w.z. de gemiddelde looptijd van de overeenkomsten, gewogen met de contante waarde van de kosten verbonden aan deze overeenkomsten. Volgens IAS 19 moet de disconteringsvoet overeenkomen met het markrendement van bedrijfsobligaties van hoge kwaliteit en die een vergelijkbare looptijd hebben als deze van de opgenomen beloningen en in dezelfde valuta.

7.4.7. Omzet-erkenning

Voor de toerekening van de volumekortingen (aan klanten en van leveranciers) wordt gebruik gemaakt van belangrijke beoordeligen met betrekking tot het effect van commerciële beslissingen die de finale te ontvangen of te verkrijgen kortingen zullen beïnvloeden.

7.5. FINANCIËLE INSTRUMENTEN EN FINANCIEEL RISICOBEHEER

7.5.1. Overzicht van de financiële instrumenten

Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle financiële instrumenten per categorie in overeenstemming met IFRS 9, van de reële waarde van elk instrument evenals de hiërarchie van de reële waarde:

in miljoen € 31 december 2018
Aangewezen in
een afdekkings
relatie
Tegen
geamortiseerde
kostprijs
Reële waarde Niveau reële
waarde
Langlopende vorderingen 5,1 5,1 Niveau 2
Handelsvorderingen 355,4 355,4 Niveau 2
Overige vorderingen 69,1 69,1 Niveau 2
Afgeleide financiële activa 3,6 3,6
Cross-currency interest rate swap 1,4 1,4 Niveau 2
Vreemde valutatermijncontracten 2,0 2,0 Niveau 2
Grondstoffen afdekkingscontracten 0,2 0,2 Niveau 2
Geldmiddelen en kasequivalenten 130,6 130,6 Niveau 2
Totaal Financiële activa 3,6 560,2 563,8
Rentedragende leningen - langlopend
Gesyndiceerde termijnlening A > 1
jaar
786,6
587,8
798,8
600,0
Niveau 2
Termijnlening > 1 jaar 150,0 150,0 Niveau 2
Total return swap 33,0 33,0 Niveau 2
Financiële lease & overige
verplichtingen
15,8 15,8 Niveau 2
Afgeleide financiële verplichtingen 6,7 6,7
Interest rate swap 5,3 5,3 Niveau 2
Cross-currency interest rate swap 0,9 0,9 Niveau 2
Vreemde valutatermijncontracten 0,2 0,2 Niveau 2
Grondstoffen afdekkingscontracten 0,2 0,2 Niveau 2
Overige schulden - langlopend 0,3 0,3 Niveau 2
Rentedragende leningen - kortlopend 104,0 104,0
Revolver kredietlening 82,4 82,4 Niveau 2
Toerekenbare interesten - overige 1,2 1,2 Niveau 2
Financiële lease & overige
verplichtingen
20,4 20,4 Niveau 2
Handelsschulden 501,0 501,0 Niveau 2
Overige schulden - kortlopend 31,8 31,8 Niveau 2
Totaal Financiële verplichtingen 6,7 1.423,7 1.442,6
in miljoen € 31 december 2017
Aangewezen in
een afdekkings
relatie
Tegen
geamortiseerde
kostprijs
Reële waarde Niveau reële
waarde
Langlopende vorderingen 3,9 3,9 Niveau 2
Handelsvorderingen 369,8 369,8 Niveau 2
Overige vorderingen 56,4 56,4 Niveau 2
Afgeleide financiële activa 1,6 1,6
Vreemde valuta
termijncontracten
1,6 1,6 Niveau 2
Geldmiddelen en 118,5 118,5 Niveau 2
kasequivalenten
Totaal Financiële activa
1,6 548,6 551,7
Rentedragende leningen -
langlopend
772,0 787,3
Gesyndiceerde termijnlening
A > 1 jaar
584,7 600,0 Niveau 2
Termijnlening > 1 jaar 150,0 150,0 Niveau 2
Total return swap 25,6 25,6 Niveau 2
Financiële lease & overige
verplichtingen
11,7 11,7 Niveau 2
Afgeleide financiële
verplichtingen
4,2 4,2
Interest rate swap 1,2 1,2 Niveau 2
Vreemde valuta
termijncontracten
2,9 2,9 Niveau 2
Overige schulden 0,2 0,2 Niveau 2
Rente dragende leningen -
kortlopend
69,9 69,9
Toerekenbare interesten
overige
1,0 1,0 Niveau 2
Revolver krediet lening 30,0 30,0 Niveau 2
Financiële lease & overige
verplichtingen
38,9 38,9 Niveau 2
Overige kortlopende financiële
schulden
20,8 20,8 Niveau 3
Handelsschulden 473,3 473,3 Niveau 2
Overige schulden kortlopend 12,5 12,5 Niveau 2
Totaal Financiële
verplichtingen
4,2 1.348,8 1.368,3

In het kader van het financiële risicobeheer van de Groep maakt de Groep gebruik van afgeleide financiële instrumenten om specifieke risico's in te dekken, zoals blootstelling aan valutarisico, renteschommelingen en schommelingen van grondstofprijzen. De volgende tabel geeft een overzicht van de afgeleide financiële instrumenten die uitstaan per jaareinde:

in miljoen € Reële waarde Nominale bedragen
31 december 2018 31 december 2017 31 december 2018 31 december 2017
Afgeleide financiële activa 3,6 1,6
Cross-currency interest rate
swap
1,4 - 20,0 -
Vreemde valutatermijncontracten 2,0 1,6 105,4 54,0
Grondstoffen afdekkings
contracten
0,2 - 1,8 -
Afgeleide financiële
verplichtingen
6,7 4,2
Interest rate swap 5,3 1,2 767,4 785,0
Cross-currency interest rate
swap
0,9 - 32,4 -
Vreemde valutatermijncontracten 0,2 2,9 30,1 83,8
Grondstoffen afdekkings
contracten
0,2 0,0 2,9 2,1

De afgeleide financiële instrumenten in bovenstaande tabellen worden allen als kasstroomindekkingen aangewezen (zie verder in toelichtingen 7.5.3 tot 7.5.5) .

De reële waarde van een afgeleid financieel instrument wordt geklasseerd als langlopend actief of verplichting indien de resterende looptijd van de ingedekte post langer is dan 12 maanden, en als kortlopend actief of verplichting indien de looptijd van de ingedekte post minder is dan 12 maanden.

De waardering van de reële waarde van alle derivaten die verhandeld worden, is gebaseerd op inputs van niveau 2, zoals gedefinieerd onder IFRS 7§27, d.w.z. inputs die waarneembaar zijn voor het actief of de verplichting, hetzij direct (d.w.z. als prijzen) hetzij indirect (d.w.z. afgeleid van prijzen).

De bovenstaande tabel geeft een analyse van de financiële instrumenten weer, gegroepeerd van Niveaus 1 tot 3 op basis van de mate waarin de reële waarde (opgenomen in de balans of in de toelichtingen) waarneembaar is:

  • Niveau 1 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op genoteerde (niet-aangepaste) koersen op actieve markten voor identieke activa of schulden.
  • Niveau 2 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op andere inputs dan genoteerde koersen opgenomen onder Niveau 1 die waarneembaar zijn voor activa of schulden, hetzij direct (bijvoorbeeld zoals marktprijzen), hetzij indirect (bijvoorbeeld afgeleid van marktprijzen).
  • Niveau 3 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op waarderingstechnieken waarbij het laagste niveau van informatie dat invloed heeft op de waardering tegen reële waarde niet is waar te nemen (niet-waarneembare inputs).

De reële waarde van financiële activa en financiële verplichtingen is gebaseerd op wiskundige modellen die de waarneembare marktgegevens gebruiken en wordt als volgt bepaald:

  • De reële waarde van financiële activa en financiële verplichtingen met standaard voorwaarden en die verhandeld worden op actieve, liquide markten, wordt bepaald aan de hand van genoteerde marktprijzen (inclusief genoteerde aflosbare obligaties).
  • De reële waarde van de afgeleide financiële instrumenten wordt berekend op basis van genoteerde prijzen. Indien deze prijzen niet beschikbaar zijn, wordt een gedisconteerde kasstroomanalyse uitgevoerd met behulp van de toepasselijke rendementscurve voor de looptijd van de instrumenten voor niet-optionele derivaten en optiewaarderingsmodellen voor optionele derivaten. Valutatermijncontracten worden gewaardeerd op basis van genoteerde termijnwisselkoersen en rendementscurven afgeleid van genoteerde rentevoeten met gelijkwaardige looptijden als de contracten. Renteswaps worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de geschatte en gedisconteerde toekomstige kasstromen op basis van de van toepassing zijnde rendementscurven afgeleid van genoteerde rentevoeten.
  • De reële waarden van andere financiële activa en financiële verplichtingen (met uitzondering van diegene hierboven beschreven) worden bepaald in overeenstemming met de algemeen aanvaarde waarderingsmodellen op basis van een gedisconteerde kasstroomanalyse.
  • Niveau 3 verplichtingen: het bedrag is bepaald op basis van contractuele bepalingen.

De Groep heeft afgeleide financiële instrumenten waarop compenserende, afdwingbare raamovereenkomsten en gelijkaardige overeenkomsten van toepassing zijn. Per 31 december 2018 diende er geen compensatie gedaan te worden (noch in 2017).

De tegenpartijen van de lopende afgeleide instrumenten beschikken over een klasse A kredietrapport.

7.5.2. Financiële risicofactoren

De activiteiten van de Groep zijn blootgesteld aan een verscheidenheid van financiële risico's: marktrisico (waaronder valutarisico, renterisico en grondstoffenprijsrisico), kredietrisico en liquiditeitsrisico.

Sinds het jaareinde zijn er geen wijzigingen geweest op het gebied van risicobeheer en ook niet in het risicobeheerbeleid.

7.5.3. Valutarisico

De Groep is internationaal actief en wordt derhalve blootgesteld aan verschillende valutarisico's, vooral met betrekking tot het Britse pond (GBP), de Turkse lire (TRY), de Poolse zloty (PLN), de Australische dollar (AUD), de Mexicaanse peso (MXN), de Braziliaanse real (BRL) en de Russische roebel (RUB) wat verkoop betreft, en de Amerikaanse dollar (USD), de Tsjechische kroon (CZK), de Mexicaanse peso (MXN) en de Braziliaanse real (BRL) wat aankoop betreft. Valutarisico komt voort uit toekomstige commerciële transacties en opgenomen activa en verplichtingen. De Groep wordt ook blootgesteld aan de Turkse lire (TRY), Algerijnse dinar (DZD), Russische roebel (RUB), de Tsjechische kroon (CZK), de Australische dollar (AUD), de Pakistaanse roepie (PKR), de Mexicaanse peso (MXN) en de Braziliaanse real (BRL) als gevolg van haar netto-investeringen in buitenlandse activiteiten.

De boekwaarden van de belangrijkste monetaire activa en monetaire verplichtingen van de Groep die in vreemde munt zijn
uitgedrukt, zijn als volgt op het einde van de rapporteringsperiode:
in miljoen € Activa Verplichtingen
31 december 2018 31 december 2017 31 december 2018 31 december 2017
EUR 1.976,1 1.706,7 2.711,9 2.345,6
BRL 70,3 147,6 45,3 150,4
USD 83,1 52,1 144,9 112,9
MXN 43,2 51,0 59,8 75,7
PLN 95,1 46,9 47,9 0,3
DZD 21,3 22,7 1,0 5,4
RUB 21,1 19,5 2,3 1,2
GBP 43,1 18,6 27,2 1,7
TRY 16,4 17,6 9,3 8,6
AUD 29,0 16,6 15,4 3,6

De Groep houdt haar valutarisico scherp in de gaten en zal indien nodig indekkingstransacties aangaan om de blootstelling van de gehele Groep aan wisselkoersschommelingen te minimaliseren. Alle indekkingsbeslissingen zijn onderhevig aan de goedkeuring van de Raad van Bestuur. De strategie met betrekking tot de indekking van de wisselkoersen werd aangehouden.

Om het valutarisico voortvloeiend uit toekomstige commerciële transacties, activa en verplichtingen te beheren, maakt de Groep gebruik van vreemde valutatermijncontracten. Valutarisico's doen zich voor als toekomstige commerciële transacties, activa en verplichtingen zijn uitgedrukt in een valuta die niet de functionele valuta is van de entiteit. De Treasury-afdeling van de Groep is verantwoordelijk voor het optimaliseren van de netto positie in elke vreemde valuta waar dat mogelijk en passend is. De Groep past hedge accounting toe voor de aan indekking gerelateerde transacties, en verwerkt de impact daarvan in de overige elementen van het totaalresultaat.

De Groep heeft vreemde valutatermijncontracten aangegaan bij aanvang van elk kwartaal van 2018 die lopen tot ten laatste september 2019 om de volatiliteit in de verkopen in Britse ponden, Poolse zloty's en Australische dollars te beperken, evenals in de aankopen in USD en CZK die in 2018 en 2019 plaatsvinden. Op basis van de indekkingsstrategie dekken de vreemde valutatermijncontracten de volgende verwachte risico's af tot 30 september 2019: voor het Britse pond 32,5 miljoen (GBP), voor de Poolse zloty 75,8 miljoen (PLN), voor de Australische dollar 22,1 miljoen (AUD), voor de Tsjechische kroon 176,0 miljoen (CZK) en voor de Amerikaanse dollar 56,2 miljoen (USD) tegenover de EUR en 14,0 miljoen USD tegenover de Mexicaanse peso (MXN) en 1,4 miljoen USD tegenover de Braziliaanse real (BRL).

De voorwaarden van de vreemde valutatermijncontracten werden zodanig onderhandeld dat deze aansluiten bij de voorwaarden van de verwachte transacties. De Groep past hedge accounting toe op de vreemde valutatermijncontracten. Bij aanvang van de vreemde valutatermijncontracten worden deze aangeduid als kasstroom-indekkingen. Op het moment dat de verwachte transacties zich voordoen, worden de vreemde valutatermijncontracten reële waarde-indekkingen. Gezien de voorwaarden van de vreemde valutatermijncontracten aansluiten bij de voorwaarden van de zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transacties, is er geen indekkingsineffectiviteit die moet erkend worden in de resultatenrekening.

Per 31 december 2018 is een niet-gerealiseerde winst van 1,6 miljoen € (Amerikaanse dollar, Britse pond) en een nietgerealiseerd verlies van 0,4 miljoen € (Australische dollar, Tsjechische kroon) opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat.

Per 31 december 2018 bedroeg de reële waarde van de afgeleide financiële activa voor de vreemde valutatermijncontracten 2,1 miljoen € (2017: 1,6 miljoen €) en van de afgeleide financiële verplichting 0,4 miljoen € (2017: 3,0 miljoen €).

De volgende tabel geeft de impact weer op de winst vóór inkomstenbelastingen en het eigen vermogen voor het jaar als de euro met 10% verzwakt/versterkt ten opzichte van de gerapporteerde valuta en alle overige variabelen constant zou gebleven zijn. De impact is hoofdzakelijk het gevolg van vreemde valutawinsten/verliezen op de omrekening van vreemde valuta handelsvorderingen en -schulden en afgeleide posities op de respectievelijke balansdatums.

in miljoen € 10% verzwakking van de euro 10% versterking van de euro
2018 2017 2018 2017
Impact op
resultaat
Impact op
eigen
vermogen
Impact op
resultaat
Impact op
eigen
vermogen
AUD (0,3) (1,2) (1,4) 0,3 1,0 1,2
GBP (0,8) (3,3) (2,6) 0,7 2,7 2,1
PLN 3,1 - - (2,5) - -
USD (5,0) 2,8 3,2 4,1 (2,3) (2,6)

7.5.4. Renterisico

Het renterisico van de Groep vloeit voort uit langlopende leningen. Leningen met een variabele interest stellen de Groep bloot aan een kasstroom renterisico dat gedeeltelijk wordt gecompenseerd door het aanhouden van liquide middelen tegen een variabele interest. Leningen met een vaste interest stellen de Groep bloot aan een reële waarde-renterisico. Deze risico's worden centraal beheerd door de Treasury-afdeling van de Groep, rekening houdend met de verwachtingen van de Groep met betrekking tot de evolutie van de marktrente. De Groep heeft renteswaps en cross-currency renteswaps gebruikt om deze risico's te beheren.

Gezien de leningen met variabele interest (EURIBOR + marge) ingedekt worden door renteswaps, is de interestlast die opgenomen wordt in de geconsolideerde resultatenrekening niet onderworpen aan volatiliteit van de rentevoeten en moet er bijgevolg geen sensitiviteitsanalyse worden opgesteld.

Sensitiviteit van de reële waarde van afgeleide financiële instrumenten verbonden aan leningen: Op 31 december 2018, als de EURIBOR rentevoeten 10 basispunten hoger/lager waren geweest en alle overige variabelen constant zouden gebleven zijn, dan zouden de overige elementen van het totaalresultaat vóór winstbelastingen voor het jaar respectievelijk 1,1 miljoen € hoger/1,0 miljoen € lager zijn geweest. Op 31 december 2017, als de EURIBOR rentevoeten 10 basispunten hoger/lager waren geweest en alle overige variabelen constant zouden gebleven zijn, dan zouden de overige elementen van het totaalresultaat vóór winstbelastingen voor het jaar respectievelijk 1,7 miljoen € hoger/1,6 miljoen € lager zijn geweest.

De gesyndiceerde termijnlening A met variabele rentevoet voor een bedrag van 600,0 miljoen € met vervaldag 2022 draagt een rentevoet van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 1,50%. De gesyndiceerde termijnlening B met variabele rentevoet voor een bedrag van 82,4 miljoen € met vervaldag 2022 draagt een rentevoet van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 1,30%. De termijnlening met variabele rentevoet voor een bedrag van 150,0 miljoen € met vervaldag 2024 draagt een rentevoet van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 1,40%. De notionele hoofdsommen van de openstaande vaste betaler renteswap contracten op 31 december 2018 bedragen 787,4 miljoen € volgens onderstaande tabel:

Looptijd Vaste rentevoet % Bedrag in miljoen €
1 jaar 0,6650% 100,0
1 jaar 0,1390% 50,0
1 jaar 0,1430% 75,0
1 jaar 7,9600% 20,0
1 jaar 7,9580% 18,4
1 jaar 7,7100% 14,0
4 jaar 0,3890% 85,0
4 jaar 0,4950% 50,0
4 jaar 0,6250% 75,0
4 jaar 0,6290% 75,0
4 jaar 0,6220% 75,0
6 jaar 0,5950% 150,0
Totaal 787,4

7.5.5. Prijsrisico (grondstoffen)

De Groep is tot op zekere hoogte blootgesteld aan de fluctuaties van de olieprijs omdat bepaalde grondstoffen die gebruikt worden in de productie vervaardigd zijn uit oliederivaten. Deze omvatten lijmen, polyethyleen, propyleen en polypropyleen.

Met betrekking tot onze blootstelling aan de pulp- en propyleenprijzen heeft de Groep overeenkomsten afgesloten met bepaalde pulpleveranciers die onze blootstelling aan de volatiliteit van de pulpprijzen beperken. De Groep besloot ook om het gedeelte van de propyleenblootstelling dat niet gedekt wordt door dergelijke overeenkomsten in te dekken voor 2018.

Sensitiviteit van de reële waarde van afgeleide financiële instrumenten verbonden aan grondstoffen: Op 31 december 2018, als er een verschuiving van de termijncurve van de grondstofprijzen was geweest en alle overige variabelen constant zouden gebleven zijn, dan zouden de overige elementen van het totaalresultaat vóór winstbelastingen voor het jaar respectievelijk 0,3 miljoen € hoger/0,3 miljoen € lager zijn geweest (2017: impact was minder dan 0,1 miljoen €).

7.5.6. Risico verbonden aan eigen-vermogensinstrumenten

Als gevolg van de uitgifte van aandelenopties en RSU als onderdeel van op aandelen gebaseerde LTIP overeenkomsten (zie toelichting 7.27 voor meer details over deze plannen), is de groep blootgesteld aan schommelingen in de beurskoers van de aandelen van de groep. De Raad van Bestuur van de groep heeft op 1 juni 2015 beslist tot volledige indekking door middel van een 'total return swap'. Het doel van dit financieel instrument is om een stijging van de aandelenkoers en het negatieve effect hiervan op toekomstige kasstromen met betrekking tot op aandelen gebaseerde betalingen in te dekken.

De Groep heeft een Total return swap ("TRS") overeenkomst afgesloten met een financiële instelling om de blootstelling aan de schommelingen in de beurskoers van de aandelen die deel uitmaken van de optie- en RSU-plannen te beheren zoals weergegeven in toelichting 7.27. Onder deze overeenkomst zal de Groep interest betalen aan de financiële instelling. Bij het afwikkelen van de TRS, zal de Groep de onderliggende aandelen ontvangen die worden toegekend aan de begunstigden van de aandelenopties of RSU's bij uitoefening. Op deze manier dekt de Groep het risico in wanneer de aandelenkoers zou stijgen als aandelen moeten uitgegeven worden op moment van uitoefening door de begunstigden van hun opties/RSU's. De aandelen die in deze context worden gekocht, worden opgenomen als een vermindering van het eigen vermogen van de Groep aan de uitoefenprijs op het moment van het aangaan van de TRS overeenkomst. Gezien de Groep fysieke levering doet van de aandelen op het moment van de afwikkeling van de TRS (geen netto afwikkeling), voldoet de TRS niet aan de norm van de financiële instrumenten zoals vastgelegd in IAS 32 / IFRS 9. Daarom moet de TRS dan ook niet geherwaardeerd worden aan reële waarde op elk rapporteringsdatum.

Als gevolg van de 'total return swap' hierboven vermeld, erkent de groep 42,1 miljoen € eigen aandelen (vertegenwoordigd door 1.559.874 aandelen) en een financiële schuld voor 33,0 miljoen € (zie toelichting 7.15). Deze bedragen vereisen geen herwaardering gedurende de contractduur en bijgevolg werd de volatiliteit geëlimineerd.

7.5.7. Kredietrisico

Het kredietrisico wordt beheerd op het niveau van de Groep. Kredietrisico komt voort uit geldmiddelen en kasequivalenten, afgeleide financiële instrumenten en deposito's bij banken en financiële instellingen, alsmede kredietblootstelling aan bedrijfsklanten, met inbegrip van uitstaande vorderingen en toegezegde transacties. De Groep beoordeelt de kredietwaardigheid van de klant, rekening houdend met diens financiële positie, ervaringen uit het verleden en andere factoren op basis waarvan individuele risicolimieten worden ingesteld conform de door bedrijfsleiders vastgestelde grenzen. Historische wanbetalingen waren lager dan 1% in 2018 en 2017. Handelsvorderingen zijn verspreid over verschillende landen en tegenpartijen en er bestaat geen grote concentratie met één of enkele tegenpartijen.

We verwijzen naar toelichting 7.12 voor de ouderdomsanalyse van de vorderingen en de dubieuze vorderingen.

De boekwaarde zoals gepresenteerd in toelichting 7.5.1 vertegenwoordigt de maximale blootstelling aan het kredietrisico op de rapporteringsdatum.

7.5.8. Liquiditeitsrisico

De Treasury-afdeling van de Groep controleert de voortschrijdende prognoses van de liquiditeitsbehoeften van de Groep om te garanderen dat er voldoende geld is om aan de bedrijfsbehoeften te voldoen terwijl ze tevens voldoende ruimte behouden op de niet opgenomen toegezegde kredietfaciliteiten (toelichting 7.16 "Rentedragende leningen"), zodat de Groep geen kredietlimieten of convenanten (indien van toepassing) op haar kredietfaciliteiten schendt.

De onderstaande tabel geeft de financiële verplichtingen van de Groep weer (inclusief rentebetalingen) ingedeeld naar de relevante clusters van looptijden op grond van de resterende periode op balansdatum tot de contractuele vervaldatum.

in miljoen € Binnen Tussen 1 Tussen 2 Over 5 jaar
1 jaar en 2 jaar en 5 jaar
Per 31 december 2018
Rentedragende leningen (103,0) (17,6) (633,3) (152,0)
Handelsschulden (501,0) - - -
Totaal niet-afgeleide financiële
verplichtingen
(604,0) (17,6) (633,3) (152,0)
Interest rate swaps (3,6) (2,9) (6,3) (0,9)
Vreemde valutatermijncontracten (135,5) - - -
Totaal afgeleide financiële
verplichtingen
(139,0) (2,9) (6,3) (0,9)
Per 31 december 2017
Rentedragende leningen (49,4) (13,8) (632,9) (154,1)
Overige financiële schulden (20,8) - - -
Handelsschulden (473,3) - - -
Totaal niet-afgeleide financiële
verplichtingen
(543,6) (13,8) (632,9) (154,1)
Interest rate swaps (2,4) (2,4) (8,3) (1,8)
Vreemde valutatermijncontracten (137,8) - -
Totaal afgeleide financiële
verplichtingen
(140,2) (2,4) (8,3) (1,8)

De bovenstaande tabel bevat geen financiële leaseverplichtingen. De looptijd van deze financiële verplichtingen was minder dan een jaar op elke balansdatum.

7.6. OPERATIONELE SEGMENTEN

Volgens IFRS 8 worden rapporteerbare operationele segmenten geïdentificeerd op basis van de "management approach". Deze aanpak bepaalt de externe segmentrapportering op basis van de interne organisatie en management structuur van de Groep alsmede de interne financiële verslaggeving aan de hoogstgeplaatste functionaris die belangrijke operationele beslissingen neemt. De activiteiten van de Groep zitten in één segment, "Hygiënische wegwerpproducten". Er zijn geen andere belangrijke bedrijfsklassen, noch individueel noch gezamenlijk. Het hoogstgeplaatste orgaan dat belangrijke operationele beslissingen neemt, de Raad van Bestuur, analyseert de bedrijfsresultaten en bedrijfsplannen en wijst middelen toe voor de hele onderneming. Daarom opereert de Groep als één segment. Informatie over de verkoop van producten, geografische gebieden en omzet van belangrijke klanten voor de hele Groep vindt u hieronder2 :

7.6.1. Informatie per divisie

Boekjaar
in miljoen € 2018 2017
Mature Market Retail 880,2 900,7
Growth Markets 197,6 192,3
Healthcare 435,6 433,4
MENA 160,8 184,5
Americas Retail 618,0 624,1
Totaal omzet 2.292,2 2.335,0

7.6.2. Informatie per productgroep

De belangrijkste productcategorieën zijn:

  • Babyverzorgingsproducten, voornamelijk luiers, babybroekjes en, in mindere mate, vochtige doekjes;
  • Dameshygiëneproducten, zoals maandverband, inlegkruisjes en tampons;
  • Incontinentieproducten voor volwassenen, zoals broekjes, luiers, incontinentiehanddoeken en bed bescherming.
Boekjaar
in miljoen € 2018 2017
Babyverzorgingsproducten 1,345,1 1,410,5
Incontinentieproducten voor volwassenen 222,8 221,2
Dameshygiëneproducten 693,6 689,5
Overige 30,6 13,8
Totaal omzet 2.292,2 2.335,0

7.6.3. Informatie per geografisch gebied

De organisatiestructuur van de Groep en haar systeem van interne informatie toont aan dat de belangrijkste bron van geografische risico's ligt in de locatie van haar cliënten (de bestemming van de verkoop) en niet in de fysieke locatie van haar activa (oorsprong van de verkoop). De locatie van de afnemers van de Groep is derhalve het geografische segmenteringscriterium en wordt als volgt gedefinieerd:

  • West-Europa
  • Oost-Europa
  • Amerika

▪ Rest van de wereld

Boekjaar
in miljoen € 2018 2017
West-Europa 1,075,2 1,073,9
Oost-Europa 292,9 314,4
Amerika 620,2 628,1
Rest van de wereld 303,8 318,6
Totaal omzet 2.292,2 2.335,0

2 Naar aanleiding van de toepassing van IFRS 15 – Opbrengsten uit contracten met klanten vanaf 1 januari 2018 werden de cijfers van de comparatieve periode aangepast om de vergelijkbaarheid te garanderen. Er is geen impact op het operationeel resultaat en EBITDA.

De verkopen in het land, waar de maatschappelijke zetel van Ontex Group NV (België) vertegenwoordigen minder dan 3% van de omzet van Ontex Group NV. De omzet in de landen die onze top 4 markten vertegenwoordigen wordt hieronder weergegeven. De verkopen in alle andere individuele landen vertegenwoordigen minder dan 10% van de omzet van Ontex Group NV.

Boekjaar
in miljoen € 2018 2017
Mexico 282,1 283,8
Verenigd Koninkrijk 237,9 240,0
Frankrijk 209,7 202,0
Italië 203,9 197,6
Overige landen 1.358,6 1.411,6
Totaal omzet 2.292,2 2.335,0

De vaste activa (materiële vaste activa en immateriële activa) in de belangrijkste landen worden weergegeven in de tabel hieronder. De vaste activa in alle andere individuele landen vertegenwoordigen minder dan 10% van het totaal van de vaste activa (met uitzondering van financiële instrumenten, uitgestelde belastingvorderingen en goodwill) van de Groep. Goodwill is niet opgenomen in onderstaande tabel gezien deze niet wordt opgevolgd per land maar op divisie niveau.

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
België 132,7 121,1
Mexico 138,5 129,3
Brazilië 97,9 103,9
Duitsland 65,0 60,5
Overige landen 217,6 214,1
Totaal 651,7 628,9

7.6.4. Omzet van de belangrijkste klanten

De Groep heeft niet één significante klant. In 2018 vertegenwoordigt de grootste klant 6,2% van de omzet (2017: 6,0%). De 10 grootste klanten vertegenwoordigen in 2018 35,2% van de omzet (2017: 35,0%).

7.7. LIJST VAN GECONSOLIDEERDE ONDERNEMINGEN

Naam Deelnemings
percentage
aangehouden
door de Groep
Maatschappelijke zetel Ondernemings
nummer
Land 2018 2017
Can Hygiene SPA Algerije 100,0% 100,0% Haouch Sbaat Nord, Zone
Industrielle de Rouiba, Voie H, lot
83B, 16012 Rouiba, Alger, Algerije
04/B/0965101
Ontex Australia Pty Ltd Australië 100,0% 100,0% Suite 10, 27 Mayneview Street,
Milton, QLD 4064, Australië
ABN 59 130 076
283
Ontex Manufacturing Pty
Ltd (former Ontex Australia
Pty Ltd)
Australië 100,0% 100,0% Wonderland Drive 5, Eastern
Creek, NSW, 2766, Australië
ABN 16 145 822
528
Eutima bvba België 100,0% 100,0% Korte Moeie 53, 9900 Eeklo,
België
0415.412.891
Ontema bvba België 100,0% 100,0% Genthof 12, 9255 Buggenhout,
België
0453.081.852
Ontex bvba België 100,0% 100,0% Genthof 5, 9255 Buggenhout,
België
0419.457.296
Active Industria De
Cosméticos S.A.
Brazilië 100,0% 100,0% Rua Contorno Oeste 1/16 Quadra
01, Lote 01/16, Modulo 2 Senador
Canedo, Goiania, Brazilië
CNPJ
22.010816/0001-
39
Falcon Distribuidora
Armazenamento E
Transporte S.A.
Brazilië 100,0% 100,0% Rua Iza Costa 1.104 Quadra: Area
Lote Modulo 2, Fazenda Retio,
Goiania, Brazilië
CNPJ
23.191.831/0001-
93
Ontex Brasil Holding Ltda
(*)
Brazilië 0,0% 100,0% Avenida Magalhaes de Castro,
4800, 22° andar, parte 05676-120
Sao Paulo, Brazilië
CNPJ
25.186.120/0001-
56
Chicolastic Chile, S.A. Chile 100,0% 100,0% Calle la Concepcion 81, D 603 P
06, Providencia, Santiagà, Region
Metropolitan,8320000 Santiago de
Chile, Chili
96886530-7
Ontex Hygienic Disposables
(Yangzhou) Co.TD
China 100,0% 100,0% Hangji industrial park, Hanjiang
Dictrict, 225111 Yangzhou, China
321000400010102
Valor Brands
Centroamerica, S.A.
Costa Rica 100,0% 100,0% 100 norte del Centro Comercial
Tres Rios a mano izquierda
Apartamento Tinoco #02, City
Cartago, 10106 San José, Costa
Rica
3-101-645685
Ontex CZ Sro Tsjechië 100,0% 100,0% Vesecko 491, 51101 Turnov,
Czech Republic
44564422
Ontex Hygienic Disposables
PLC
Ethiopië 100,0% 100,0% Tracon Tower Building Addis
Ababa, Subcity Arada, Werada 02,
Kebele 01, House n° : 30/97,
Ethiopië
EIA
PC/01/005318/08
Hygiëne Medica SAS Frankrijk 100,0% 100,0% Rue de croix 18,
59290 Wasquehal cedex, Frankrijk
401 439 872
Ontex France SAS Frankrijk 100,0% 100,0% Quai du rivage 62119 Dourges,
Frankrijk
338 081 102
Ontex Santé France SAS Frankrijk 100,0% 100,0% Quai du rivage 62119 Dourges,
Frankrijk
502 601 297
Moltex Baby-Hygiene
GmbH
Duitsland 100,0% 100,0% Robert-Bosch-Straße 8, 56727
Mayen, Duitsland
HRB 5260
Ontex
Beteiligungsgesellschaft
mbH
Duitsland 100,0% 100,0% Robert-Bosch-Straße 8, 56727
Mayen, Duitsland
HRB 15558
Ontex Engineering GmbH Duitsland 100,0% 100,0% Robert-Bosch-Straße 8, 56727
Mayen, Duitsland
HRA 21335
Ontex Healthcare
Deutschland GmbH
Duitsland 100,0% 100,0% Hansaring 6, Lotte 49504,
Duitsland
HRB 9669
Ontex Hygiënartikel
Deutschland GmbH
Duitsland 100,0% 100,0% Fabrikstrasse 30, 02692
Grosspostwitz, Duitsland
HRB 3865
Ontex Inko Deutschland
GmbH
Duitsland 100,0% 100,0% Robert-Bosch-Straße 8, 56727
Mayen, Duitsland
HRB 20630
Ontex Logistics GmbH Duitsland 100,0% 100,0% Robert-Bosch-Straße 8, 56727
Mayen, Duitsland
HRB 21024
Ontex Mayen GmbH Duitsland 100,0% 100,0% Robert-Bosch-Straße 8, 56727
Mayen, Duitsland
HRB 11699
Ontex Vertrieb Gmbh & Co.
KG
Duitsland 100,0% 100,0% Robert-Bosch-Straße 8, 56727
Mayen, Duitsland
HRB 4983
WS Windel-Shop GmbH Duitsland 100,0% 100,0% Robert-Bosch-Straße 8, 56727
Mayen, Duitsland
HRB 2793
Naam Deelnemings
percentage
aangehouden
door de Groep
Maatschappelijke zetel Ondernemings
nummer
Ontex Italia Srl Italië 100,0% 100,0% Via Oberdan 140, 25128 Brescia,
Italië
BS-347522
Ontex Manufacturing Italy
S.r.l.
Italië 100,0% 100,0% Localita Cucullo, Zona Industriale,
66026 Ortona (Chieti),Italië
02456370697
Serenity Holdco S.r.l. Italië 100,0% 100,0% Localita Cucullo, Zona Industriale,
66026 Ortona (Chieti),Italië
CH-178769
Serenity Spa Italië 100,0% 100,0% Localita Cucullo, Zona Industriale,
66026 Ortona (Chieti),Italië
CH-99632
Ontex Central Asia LLP Kazachstan 100,0% 100,0% Almaty, Bostandyk district, Al
Farabi Avenue 5, Business,Center
Nurly Tau, Blok 1A, Suite 502,
Kazachstan
600400642455
Comercializadora
Interncional de comercio
Mabe, S.A de C.V
Mexico 100,0% 100,0% Av San Pablo, Xochimehuacan
7213, Colinia La Loma, Puebla
Mexico CP 72230, Mexico
CIPQ210141Z8
Compania Interoceanica de
productos Higionicos, S.A
de C.V
Mexico 100,0% 100,0% Retorno 2 Esteban De Antunano
no.8, Col. Parque Industrial CD.
Textil De Puebla, 74160 Puebla,
Mexico
IPH060317DPA
Corporativo de
administracion con calidad,
S.A de C.V
Mexico 100,0% 100,0% Av San Pablo, Xochimehuacan
7213, Colinia La Loma, Puebla
Mexico CP 72230,Mexico
CAC920612HE9
Grupe P.I Mabe, S.A de C.V Mexico 100,0% 100,0% Av San Pablo, Xochimehuacan
7213, Colinia La Loma, Puebla
Mexico CP 72230,Mexico
GPI950824N64
Inmobiliaria Kiko S.A de C.V Mexico 100,0% 100,0% Calle 27 Norte 7402, Zona
Industrial Anexa a la loma, Puebla
Mexico CP 72230,Mexico
IKI811207FG8
P.I Mabe International, S de
R.L de C.V
Mexico 100,0% 100,0% Av San Pablo, Xochimehuacan
7213, Colinia La Loma, Puebla
Mexico CP 72230,Mexico
GPU950824N64
Productos Internacionales
Mabe, S.A de C.V
Mexico 100,0% 100,0% Calle Norte 12, Ciudad Industrial
105,22505 Tijuana, Mexico
PIM810710R32
Promotora Internacional de
comercio Mabe, S.A de C.V
Mexico 100,0% 100,0% Av San Pablo, Xochimehuacan
7213, Colinia La Loma, Puebla
Mexico CP 72230,Mexico
PIC001031K61
Servicios Administrativos E.
inmobiliaria Gima S.C
Mexico 100,0% 100,0% Calle 27 Norte 7402, Zona
Industrial Anexa a la loma, Puebla
Mexico CP 72230,Mexico
SAI880817KP4
Transportes P.I Mabe, S.A
de C.V
Mexico 100,0% 100,0% Av San Pablo, Xochimehuacan
7213, Colinia La Loma, Puebla
Mexico CP 72230,Mexico
TPM960709QS1
Ontex Hygiene Sarlau Marokko 100,0% 100,0% Quartier Al Hank Boulevard De La
Corniche, 6ième étage, immeuble
Yacht A/B Anfa - Casablanco,
Marokko
240709
Ontex Pakistan ltd Pakistan 100,0% 100,0% Office No 705, 7th Floor, Park
Avenue, Main Sharh-e-Faisal,
Karachi Sindh 7400, Pakistan
0076658
Ontex Polska sp. z.o.o. Polen 100,0% 100,0% ul. Legionów 93/95, lok 26, 91-072
Lodz, Polen
0000010044
Ontex Romania Srl Roemenië 100,0% 100,0% Bucharest, 46 Grigore Cobalcescu
Street, 2nd floor, 1st District ,
Roemenië
R 7682053
Ontex RU LLC Rusland 100,0% 100,0% Zemlyanoy Val Street 9, 10564
Moscow, Rusland
1055008702649
Ontex ES Holdco SL Spanje 100,0% 100,0% Poligono Industrial Nicomedes
Garcia, C/Fresno s/n, sector C,
40140 Valverde del Majano,
Segovia, Spanje
B85082832
Ontex ID SAU Spanje 100,0% 100,0% Poligono Industrial Nicomedes
Garcia, C/Fresno s/n, sector C,
40140 Valverde del Majano,
Segovia, Spanje
NIFA-60617875
Ontex Peninsular SAU Spanje 100,0% 100,0% Poligono Industrial Nicomedes
Garcia, C/Fresno s/n, sector C,
40140 Valverde del Majano,
Segovia, Spanje
A40103855
Valor Brands Europe, S.L Spanje 100,0% 100,0% Torviscal 12, 45007 Toledo, Spain B2837-1540
Naam Deelnemings
percentage
aangehouden
door de Groep
Maatschappelijke zetel Ondernemings
nummer
Ontex Hygienic Spain, S.L. Spanje 100,0% 100,0% Poligono Industrial Nicomedes
Garcia, C/Fresno s/n, sector C,
40140 Valverde del Majano,
Segovia, Spain
M635-328
Ontex Tuketim. Urn. San. ve
Tic. AS
Turkije 100,0% 100,0% Tekstilkent Cad. Koza Plaza B
Blok Kat:31 No:116-117 Esenler,
Istanbul,Turkije
137334
Ontex Ukraine LLC Oekraïne 100,0% 100,0% Building 7(C), 13 M. Pymonenka
Street, 04050 Kyiv, Oekraïne
37728333
Ontex Health Care UK Ltd. Verenigd
Koninkrijk
100,0% 100,0% Kettering Parkway, Kettering
Venture Park, Kettering,
Northants, NN156XR, Verenigd
Koninkrijk
02274216
Ontex Retail UK Ltd. Verenigd
Koninkrijk
100,0% 100,0% Unit 5 (1st Floor), Grovelands
Business Centre, Boundary Way,
Hemel Hempstead, Hertfordshire,
HP2 7TE, Verenigd Koninkrijk
1613466
Ontex US Holdco, LLC Verenigde
Staten van
Amerika
100,0% 100,0% 1201 North Market Street, 19801
Wilmington, New Castle county,
Delaware, Verenigde Staten van
Amerika
N/A
Valor Brands, LLC Verenigde
Staten van
Amerika
100,0% 100,0% 960 North Point Parkway, Suite
100, Alpharetta, GA 30005,
Verenigde Staten van America
06-1661367

(*) Gefusioneerd in de loop van 2018 met Active Industria De Cosméticos S.A.

Het stemrecht is gelijk aan het deelnamepercentage.

De belangrijkste dochterondernemingen van de Groep zijn Ontex bvba, Ontex Mayen GmbH, Ontex Tsjechië Sro, Ontex Tuketim AS, Serenity Spa, Ontex Manufacturing Italië S.r.L, Productos Internacionales Mabe, Active Industria De Cosméticos S.A. en Falcon Distribuidora Armazenamento E Transporte S.A.

7.8. BEDRIJFSCOMBINATIES

7.8.1. 2017 Overname

Op 7 maart 2017 heeft Ontex de overname afgerond van de afdeling voor persoonlijke hygiëne van Hypermarcas S.A. (hierna "Ontex Brazilië" genoemd). Op jaareinde 2017 was de toewijzing van de aankoopprijs en dus de bepaling van de goodwill nog voorlopig en werd dit volledig afgerond in 2018.

Hierdoor heeft de Groep de goodwill aangepast van 124,7 miljoen € naar 128,3 miljoen € op de balans.

De goodwill van 128,3 miljoen € als gevolg van de overname is toe te schrijven aan het verworven personeelsbestand, de omvang en de geografische spreiding van de activiteiten.

De volgende tabel vat de wijzigingen aan de goodwill samen:

in miljoen € Zoals opgenomen
per 31 december
2017
Aanpassingen Zoals opgenomen
per 31 december
2018
Opgenomen bedragen van de identificeerbare
activa en aangegane verplichtingen
Geldmiddelen en kasequivalenten 56,8 56,8
Immateriële activa 24,3 24,3
Materiële vaste activa 82,9 (2,0) 80,9
Langlopende vorderingen 0,6 0,6
Voorraden 64,9 (0,5) 64,4
Handelsvorderingen 9,2 (0,5) 8,6
Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen 12,9 12,9
Uitgestelde belastingvorderingen 7,0 7,0
Rentedragende leningen (17,1) (17,1)
Handelsschulden (45,7) (45,7)
Overige schulden (0,2) (0,2)
Toegerekende kosten en overige schulden (13,8) (0,5) (14,3)
Actuele belastingverplichtingen (1,1) (1,1)
Totaal verworven identificeeerbare netto activa 180,6 (3,6) 177,0
Toewijzing aan Goodwill 124,7 3,6 128,3
Totale vergoeding 305,3 - 305,3

7.8.2. Aansluiting met het kasstroomoverzicht

Het geconsolideerd kasstroomoverzicht presenteert het volgende met betrekking tot de overname van dochterondernemingen binnen de investeringsactiviteiten:

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Vergoeding betaald in geldmiddelen voor de overname van Ontex Brazil
(na aftrek van de overgenomen geldmiddelen)
- (249,8)
Voorwaardelijke vergoeding betaald voor de overname van Grupo Mabe (16,5) (47,8)
Betaling voor overname dochteronderneming, netto van overgenomen
geldmiddelen
(16,5) (297,6)

7.9. GOODWILL EN IMMATERIËLE ACTIVA

in miljoen € Goodwill Merken Geactiveerde
ontwikkelings
kosten
Implementatie
kosten IT
Overige
Immateriële
vaste activa
Totaal
Boekjaar eindigend op 31
december 2018
Boekwaarde aan het begin
van de periode
1.163,6 34,0 0,1 16,3 0,1 1.214,1
Aanschaffingen - - 0,1 8,9 1,5 10,5
Transferten - - - 0,5 - 0,5
Vervreemdingen - - - - - -
Afschrijvingskosten - (1,9) - (7,0) - (8,9)
Wisselkoersen (2,0) (0,5) - (0,3) - (2,8)
Verworven via
bedrijfscombinatie
3,6 - - - - 3,6
Boekwaarde aan het
einde van de periode
1.165,2 31,6 0,2 18,4 1,6 1.217,0
Op 31 december 2018
Kost of waardering 1.165,2 35,9 0,2 43,6 15,6 1.260,5
Gecumuleerde
afschrijvingen en
bijzondere
waardeverminderingen
0,0 (4,3) (0,0) (25,2) (14,0) (43,5)
Boekwaarde 1.165,2 31,6 0,2 18,4 1,6 1.217,0
in miljoen € Goodwill Merken Geactiveerde
ontwikkelings
kosten
Implementatie
kosten IT
Overige
Immateriële
vaste activa
Totaal
Boekjaar eindigend op
31 december 2017
Boekwaarde aan het begin
van de periode
1.096,2 22,2 - 10,1 0,2 1.128,7
Aanschaffingen - - - 6,4 - 6,4
Transferten - (0,1) 0,1 0,8 (0,1) 0,7
Vervreemdingen - (0,1) - - - (0,1)
Afschrijvingskosten - (2,0) - (5,7) - (7,7)
Wisselkoersen (57,3) (4,4) - (0,7) - (62,4)
Verworven via
bedrijfscombinatie
124,7 18,3 - 6,0 - 149,1
Boekwaarde aan het
einde van de periode
1.163,6 34,0 0,1 16,3 0,1 1.214,1
Op 31 december 2017
Kost of waardering 1.163,6 36,4 0,1 34,8 14,1 1,249,0
Gecumuleerde
afschrijvingen en
bijzondere
waardeverminderingen
- (2,4) - (18,5) (14,0) (34,9)
Boekwaarde 1.163,6 34,0 0,1 16,3 0,1 1.214,1

Geactiveerde kosten voor IT-implementaties vertegenwoordigen intern ontwikkelde en extern aangeschafte software voor eigen gebruik.

De merken vertegenwoordigen de activering van sommige merken die verworven werden door de overname van Grupo Mabe en Ontex Brazilië.

De afschrijvingskosten zijn als volgt opgenomen in de secties van de geconsolideerde resultatenrekening:

In miljoen € 2018 2017
Kostprijs van de omzet 1,0 2,0
Distributiekosten 0,6 0,1
Verkoop- en marketingkosten 1,9 0,9
Algemene beheerskosten 5,4 4,7
Totale afschrijvingskosten 8,9 7,7

De Groep heeft in 2018 6,3 miljoen € aan kosten opgelopen voor onderzoek en ontwikkeling (2017: 9,6 miljoen €), die zijn opgenomen onder de hoofding "Algemene beheerskosten".

Er waren geen immateriële activa in pand gegeven in het kader van de financiële verplichtingen.

Bijzondere waardevermindering op goodwill

Voor het uitvoeren van de testen op bijzondere waardeverminderingen heeft de Groep vijf kasstroomgenererende eenheden (KGE) geïdentificeerd: Mature Market Retail, Growth Markets, Healthcare, Middle East North Africa en Americas Retail. Er worden jaarlijkse bijzondere waardeverminderingsanalyses gemaakt voor alle KGE's op 31 december. Deze analyses vergelijken de boekwaarde van elke KGE met de realiseerbare waarde van de KGE's berekend op basis van een 'discounted cash flow'-model. Indien de realiseerbare waarde lager is dan de boekwaarde van de KGE, wordt er onmiddellijk een bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen in de resultatenrekening.

Goodwill was als volgt aan de KGE's toegewezen op 31 december:

in miljoen € 2018 2017
Mature Market Retail 732,5 732,5
Growth Markets 25,2 25,2
Healthcare 60,4 60,4
Middle East North Africa 42,0 42,0
Americas Retail 305,1 303,5
Goodwill toegewezen aan KGE's 1.165,2 1.163,6

De realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid wordt bepaald op basis van berekeningen van de bedrijfswaarde. Deze berekeningen zijn gebaseerd op kasstroomvoorspellingen vóór belastingen (opgemaakt in €) gebruikmakend van basisparameters van het geconsolideerde financieel budget dat goedgekeurd werd door de Raad van Bestuur van Ontex en het strategisch plan van de Groep tot 2021. Kasstromen na de periode van drie jaar worden geëxtrapoleerd met een geschatte groei van 1,0% voor de Mature Market Retail, 2,0% voor Growth Markets, 2,0% voor Healthcare, 3,0% voor MENA en 3,6% voor Americas Retail. De groeivoet overschrijdt niet de huidige marktverwachtingen voor de markten waarin de vijf KGE's momenteel actief zijn.

De belangrijkste veronderstellingen voor de berekeningen van de bedrijfswaarde en die gebruikt worden om de realiseerbare waarde te bepalen omvatten de disconteringsvoeten, verwachte wijzigingen aan de verkoopprijzen, productaanbod, directe kosten, operationele marges en de terminale groeivoeten.

De disconteringsvoet is een maatstaf gebaseerd op de gemiddeld gewogen kost van kapitaal van de industrie en de risico-vrije rentevoeten gewogen naar de verschillende regio's waarin de KGE's actief zijn.

Wijzigingen in verkoopmethodes en directe kosten zijn gebaseerd op historische methodes en verwachtingen omtrent toekomstige veranderingen in de markt. De berekening maakt gebruik van kasstroomvoorspellingen die gebaseerd zijn op basisparameters van het geconsolideerde financieel budget dat goedgekeurd werd door de Raad van Bestuur, het strategisch plan van de Groep tot 2021, en de disconteringsvoeten (vóór belasting) van elke KGE zoals beschreven in toelichting 7.4.3 "Bijzondere waardeverminderingen" en die gebaseerd zijn op de huidige marktinschattingen van de tijdswaarde van geld en van de risico's specifiek voor de Groep.

De opmaak van het financieel budget en het strategisch plan maken gebruik van enkele veronderstellingen, zoals:

  • Marktgroei, de evolutie van het marktaandeel van de Groep, de competitieve omgeving en de innovatie-trends in de verschillende markten en strategische initiatieven
  • De mix van producten
  • De verwachte evolutie van diverse directe en indirecte kosten
  • De verwachte toekomstige investeringsuitgaven

De veronderstellingen werden hoofdzakelijk afgeleid van:

  • Beschikbare historische data
  • Extern marktonderzoek
  • Interne verwachtingen rond de markt gebaseerd op o.a. trendrapporten

De basisveronderstellingen die gebruikt worden, worden op jaarbasis gecontroleerd en aangepast door het management van de Groep. Gezien de aanzienlijke marge van het realiseerbare bedrag van de kasgenererende eenheden ten opzichte van hun boekwaarde, en rekening houdende met de uitgevoerde sensitiviteitsanalyse, is het management ervan overtuigd dat geen enkele redelijke wijziging in de basisveronderstellingen waarop het realiseerbare bedrag is gebaseerd, aanleiding zou geven tot een boekwaarde die het realiseerbare bedrag zou overstijgen per 31 december 2018.

De Groep heeft een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd door de risico-aangepaste kasstroomvoorspellingen te verminderen en de disconteringsvoet vóór belastingen te verhogen, zoals beschreven in toelichting 7.4.3 "Bijzondere waardeverminderingen".

7.10. MATERIËLE VASTE ACTIVA

in miljoen € Terreinen en
gebouwen
Installaties,
machines
en
materieel
Meubilair
en rollend
materieel
Overige
materiële
vaste
activa
Activa in
aanbouw en
vooruit
betalingen
Totaal
Boekjaar eindigend op 31
december 2018
Boekwaarde aan het begin
van de periode
151,1 326,0 1,7 9,9 89,7 578,3
Aanschaffingen 2,1 34,6 0,3 0,2 59,0 96,2
Transferten 5,0 59,8 0,2 (0,6) (64,9) (0,5)
Vervreemdingen (1,4) (5,8) (0,0) (0,0) 0,0 (7,2)
Afschrijvingskosten (6,1) (40,5) (0,4) (1,0) - (48,0)
Bijzondere
waardeverminderingen
(1,6) (0,7) 0,0 - - (2,3)
Wisselkoersverschillen (2,8) (7,5) (0,1) (0,3) 0,0 (10,6)
Transfer naar activa
aangehouden voor
verkoop
(2,0) (2,0) - - (0,0) (4,0)
Verworven via
bedrijfscombinatie
- (2,0) - - - (2,0)
Boekwaarde aan het
einde van de periode
144,3 361,9 1,7 8,2 83,8 599,9
Op 31 december 2018
Kost of waardering 182,1 573,8 3,4 17,7 83,8 860,8
Gecumuleerde
afschrijvingen en
bijzondere
waardeverminderingen
(37,8) (211,9) (1,7) (9,5) - (260,9)
Boekwaarde 144,3 361,9 1,7 8,2 83,8 599,9
in miljoen € Terreinen en
gebouwen
Installaties,
machines
en
materieel
Meubilair
en rollend
materieel
Overige
materiële
vaste
activa
Activa in
aanbouw en
vooruit
betalingen
Totaal
Boekjaar eindigend op 31
december 2017
Boekwaarde aan het begin
van de periode
121,1 267,7 1,6 9,4 55,7 455,5
Aanschaffingen 1,0 37,4 0,6 1,4 78,2 118,6
Transferten 28,0 33,7 - 0,3 (62,7) (0,7)
Vervreemdingen (0,6) 4,9 (0,1) 0,8 (5,5) (0,5)
Afschrijvingskosten (5,5) (38,7) (0,4) (1,4) - (46,0)
Wisselkoersverschillen (6,2) (18,0) (0,1) (0,5) (6,7) (31,5)
Verworven via
bedrijfscombinatie
13,3 38,9 - - 30,6 82,9
Boekwaarde aan het
einde van de periode
151,1 326,0 1,7 9,9 89,7 578,3
Op 31 december 2017
Kost of waardering 181,6 505,2 3,0 19,3 89,7 798,8
Gecumuleerde
afschrijvingen en
bijzondere
waardeverminderingen
(30,6) (179,2) (1,4) (9,4) - (220,5)
Boekwaarde 151,1 326,0 1,7 9,9 89,7 578,3

De aanschaffingen van materiële vaste activa vertegenwoordigen hoofdzakelijk investeringen in uitbreidingen van de capaciteit, in innovatie, investeringen om de efficiëntie te verbeteren en investeringen in de IT infrastructuur.

De overdracht naar vaste activa aangehouden voor verkoop betreft het gebouw in Arras en machines en uitrusting in Brazilië.

De volgende jaarlijkse operationele leasebetalingen zijn opgenomen in de resultatenrekening voor het jaar afgesloten op 31 december:

in miljoen € 2018 2017
Terreinen en gebouwen 20,1 20,5
Machines en materieel 10,7 6,2
Huur van pallets 4,9 4,4
Meubilair en rollend materieel 7,8 7,0
Overige leaseovereenkomsten 0,2 2,2
Totale operationele leasebetalingen 43,7 40,2

De afschrijvingskosten zijn als volgt opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening:

in miljoen € 2018 2017
Kostprijs van de omzet 42,2 38,7
Distributiekosten 2,0 2,4
Verkoop- en marketingkosten 0,7 1,3
Algemene beheerskosten 2,8 3,4
Overige bedrijfsopbrengsten 0,3 0,2
Totale afschrijvingskosten 48,0 46,0

Materiële vaste activa omvatten activa aangehouden onder financiële leaseovereenkomsten voor een totale boekwaarde van 6,5 miljoen € (2017: 7,2 miljoen €).

Er werden geen materiële vaste activa in pand gegeven.

7.11. VOORRADEN

De voorraden kunnen als volgt worden opgesplitst:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Grondstoffen 169,3 158,5
Goederen in bewerking 1,1 1,0
Gereed product 204,2 175,4
Overige 6,9 6,8
Bijzondere waardevermindering op voorraden (15,6) (14,6)
Voorraden 365,9 327,2

De Groep gebruikt voornamelijk pulp, super-absorbers en niet-geweven stoffen. Overige grondstoffen die de Groep voor de productie gebruikt zijn onder andere polyethyleen, lijmen en tapes als basisgrondstoffen. De afgewerkte producten zijn babyluiers, babybroekjes, maandverbanden, tampons, inlegkruisjes, doekjes, incontinentieproducten en handelsgoederen.

De voorraadkosten opgenomen als kosten onder "Kostprijs van de omzet" bedroegen in 2018 1.666,5 miljoen € (1.647,4 miljoen € in 2017).

7.12. HANDELSVORDERINGEN, VOORUITBETAALDE KOSTEN EN OVERIGE VORDERINGEN

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Handelsvorderingen 362,2 375,3
Min: voorziening voor bijzondere waardeverminderingen op
handelsvorderingen
(6,8) (5,5)
Handelsvorderingen - netto 355,4 369,8
Vooruitbetalingen 14,1 24,2
Overige vorderingen 55,0 56,4
Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen 69,1 80,6
Handelsvorderingen en overige vorderingen - Kortlopend 424,5 450,3

"Overige vorderingen" omvatten terugvorderbare btw voor een bedrag van 46,4 miljoen € voor 2018 (2017: 43,1 miljoen €). De reële waarde van de kortlopende vorderingen benadert de boekwaarde.

De ouderdomsanalyse van de netto handelsvorderingen per 31 december is als volgt:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Niet vervallen 304.6 302.9
0 tot 30 dagen 24.8 40.3
31 tot 60 dagen 4.8 13.1
61 tot 90 dagen 6.6 5.3
Meer dan 90 dagen 14.6 8.3
Totaal 355.4 369.8

De Groep past geen systematische externe credit rating toe. Een bijzondere waardeverminderingsanalyse van de handelsvorderingen wordt op individueel niveau uitgevoerd, maar er zijn geen belangrijke individuele significante bijzondere waardeverminderingen.

De boekwaarde van de handelsvorderingen (bruto) van de Groep wordt uitgedrukt in de volgende valuta's:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
EUR 101.9 115.8
BRL 53.2 67.9
PLN 45.7 45.5
MXN 50.0 44.5
USD 26.6 18.0
RUB 12.2 17.3
TRY 15.4 16.6
GBP 15.3 16.4
AUD 10.3 10.5
Overige 24.8 22.9
Total 355.4 375.3

In de loop van het jaar zijn de betalingsvoorwaarden voor de vorderingen noch verslechterd noch heronderhandeld. Het maximale kredietrisico aan het einde van de rapporteringsperiode is de boekwaarde van elke regel van hierboven vermelde vorderingen. De Groep houdt geen onderpand als zekerheid.

Mutaties in de voorzieningen voor bijzondere waardeverminderingen van de Groep met betrekking tot handelsvorderingen zijn als volgt:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Openingsaldo 5,5 5,0
Bijzondere waardevermindering op handelsvorderingen 2,4 1,8
Tijdens het jaar afgeboekte handelsvorderingen wegens
oninbaar
(0,4) (0,1)
Terugname van bijzondere waarderverminderingen op
handelsvorderingen
(0,5) (0,9)
Wisselkoersverschillen (0,2) (0,3)
Per 31 december 6,8 5,5

Het opzetten en de vrijval van de voorziening voor oninbare debiteuren zijn opgenomen in "Verkoop- en marketingkosten" in de resultatenrekening.

De Groep heeft een 'non-recourse' factoringovereenkomst aangegaan met BNP Paribas Fortis Factoring en KBC Commercial Finance. De overeenkomst voorziet in een kredietfaciliteit van maximaal 200,0 miljoen € en tot een bedrag van 95% van de goedgekeurde uitstaande klantenvorderingen op alle klanten die wij transfereren naar de factoringmaatschappij. De resterende 5% van de desbetreffende klantenvorderingen wordt betaald door de factoringmaatschappij aan ons op moment dat zij de betaling van de desbetreffende klant ontvangen waarna ook het resterende saldo uit de balans wordt genomen. De financiering per klant is beperkt tot 10% van het totaal bedrag van alle goedgekeurde openstaande klantenvorderingen die getransfereerd werden naar de factoringmaatschappij. Elke financiering binnen de kredietlimiet is non-recourse voor ons. Deze factoringovereenkomst is niet in de balans opgenomen.

Naast de hierboven vermelde factoringovereenkomst op Groepsniveau, heeft Serenity (de Italiaanse dochteronderneming) een bilaterale factoringovereenkomst aangegaan met Ifitalia en Banca Sistema. Verder heeft Ontex Rusland ook een factoringovereenkomst aangegaan met Rosbank. Al deze factoringovereenkomsten zijn non-recourse.

Per 31 december 2018, werd een bedrag van 163,2 miljoen € aan financiering bekomen via deze factoring programma's (175,0 miljoen € in 2017). Het risico op late betaling gerelateerd aan de factoring wordt als niet materieel beschouwd eind 2018 en 2017.

In overeenstemming met IFRS 9 Financiële instrumenten worden al deze non-recourse handelsvorderingen die zijn opgenomen in deze factoringprogramma's niet opgenomen voor het gedeelte waar geen aanhoudende betrokkenheid meer is.

7.13. GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

De netto kaspositie zoals gepresenteerd in het geconsolideerd kasstroomoverzicht is als volgt:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Kortetermijndeposito's (niet langer dan 3 maanden) 46,3 18,5
Vrij beschikbare geldmiddelen 84,3 100,0
Totaal 130,6 118,5

De boekwaarde van de geldmiddelen en kasequivalenten is een redelijke benadering van de reële waarde.

De kredietwaardigheid van de banken en financiële instellingen waarmee de Groep werkt, wordt vermeld in de volgende tabel:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
AA 26,5 7,2
A 75,7 88,5
BBB 3,7 10,5
BB 19,5 9,1
C 1,3 -
Geen kredietscore 3,9 3,2
Total 130,6 118,5

7.14. KAPITAAL

in miljoen € Number of
shares
Share capital Share Premium Total
Openingsaldo op 1 januari 2017 74.861.108 722,0 266,8 988,8
Kapitaalsverhoging 7.486.110 74,9 146,0 220,8
Uitgiftekosten van nieuwe aandelen - (1,7) - (1,7)
Eindsaldo op 31 december 2017 82.347.218 795,2 412,8 1.208,0
Eindsaldo op 31 december 2018 82.347.218 795,2 412,8 1.208,0

In maart 2017 werd een kapitaalsverhoging gerealiseerd via een "accelerated bookbuilt placement". Het kapitaal werd verhoogd met 74,9 miljoen € en de uitgiftepremie nam toe met 146,0 miljoen € als gevolg van een kapitaalsverhoging in geldmiddelen.

Het kapitaal van 1.208,0 miljoen € wordt vertegenwoordigd door 82.347.218 aandelen, waarvan 1.559.874 eigen aandelen (2017: 1.068.684 eigen aandelen). Aldus houden externe aandeelhouders 80.787.344 gewonen aandelen (2017: 81.287.534).

7.15. WINST PER AANDEEL

Overeenkomstig IAS 33 wordt de gewone winst per aandeel berekend door het nettoresultaat van de periode, toerekenbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar. Het aantal aandelen dat werd gebruikt voor 2017 is 79.661.317, wat het gewogen gemiddeld aantal aandelen is in 2017, gegeven de kapitaalverhoging van maart 2017, zie ook toelichting 7.14 hierboven. Het aantal aandelen gebruikt voor 2018 is 81.020.929, wat het gewogen gemiddeld aantal aandelen is in 2018.

De verwaterde winst per aandeel dient berekend te worden door het nettoresultaat van de periode, toerekenbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij (na aanpassing van de effecten van alle potentiële verwaterde gewone aandelen) te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar, vermeerderd met het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen dat zou worden uitgegeven bij een omzetting van alle potentiële verwaterde gewone aandelen in gewone aandelen.

In het geval van Ontex Group NV is er geen effect van verwatering op het netto resultaat toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen. Onderstaande tabel geeft de gegevens weer op het vlak van resultaat en aantal aandelen die gebruikt worden voor de berekening van de gewone en verwaterde winst per aandeel.

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Gewone winst
Winst voor de periode toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen 97,0 128,4
Aanpassing verwatering - -
Winst voor de periode toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen, na
verwatering
97,0 128,4
Recurrente gewone winst
Winst voor de periode toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen 97,0 128,4
Totale niet-recurrente opbrengsten en kosten 24,3 4,4
Belastingscorrectie (11,6) (1,4)
Recurrente gewone winst 109,7 131,4
Aanpassing verwatering - -
Recurrente gewone winst, na verwatering 109,7 131,4
Aantal aandelen Boekjaar
2018 2017
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen tijdens de periode 81.020.929 79.661.317
Verwatering 94.940 239.792
Winst per aandeel (€) Boekjaar
2018 2017
Gewone winst per aandeel 1,20 1,61
Verwaterde winst per aandeel 1,20 1,61
Recurrente gewone winst per aandeel 1,35 1,65
Recurrente verwaterde winst per aandeel 1,35 1,64

Een gewogen gemiddeld aantal van 393.672 opties werden niet opgenomen in de noemer van de verwaterde winst per aandeel aangezien zij 'out-of-the-money' waren op jaareinde 2018 (2017: 18.716 opties).

7.16. RENTEDRAGENDE LENINGEN

In miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Langlopend
Leningen:
Gesyndiceerde termijnlening A > 1 jaar 587,8 584,7
Termijnlening > 1 jaar 150,0 150,0
Total return swap 33,0 25,6
Financiële lease & overige verplichtingen 15,8 11,7
Langlopende leningen 786,6 772,0
Kortlopend
Leningen:
Revolver kredietlening 82,4 30,0
Toerekenbare interesten - overige
Overige leningen 1,2 1,0
Financiële lease & overige verplichtingen 20,4 38,9
Kortlopende leningen 104,0 69,9
Totaal rentedragende leningen 890,6 841,9

Reconciliatie met het kasstroomoverzicht:

31 december
2018
Opening
saldo
Kas
stromen
Non-cash movements Eind
saldo
in miljoen € Ver
wervingen
Bedrijfs
combinatie
Reële
waarde
wijziging
Wissel
koersen
Her
classificatie
Overige
Langlopende
leningen
Leningen 760,3 (4,7) - - - - - 15,2 770,8
Financiële
lease & overige
verplichtingen
11,7 4,0 - - - 0,6 (0,5) - 15,8
Kortlopende
leningen
Leningen 31,0 52,4 - - - - - 0,3 83,7
Financiële
lease & overige
verplichtingen
38,9 (18,5) - - - (0,6) 0,5 - 20,3
Totale schulden
van
financierings
activiteiten
841,9 33,2 - - - - - 15,5 890,6
In het kasstroom
overzicht
(financierings
activiteiten) als
volgt opgenomen:
Opbrengsten uit
leningen
58,6
Betaalde
financierings
kosten
-
Aflossing van
leningen
(25,4)
31 december
2017
Opening
saldo
Kas
stromen
Non-cash movements Eind
saldo
in miljoen € Ver
wervingen
Bedrijfs
combinatie
Reële
waarde
wijziging
Wissel
koersen
Her
classifi
catie
Overige
Langlopende
leningen
Leningen 768,7 (15,5) - - - - - 7,1 760,3
Financiële
lease & overige
verplichtingen
10,4 2,2 - - - (1,1) 0,2 - 11,7
Kortlopende
leningen
Leningen 2,3 28,7 - - - - - - 31,0
Financiële
lease & overige
verplichtingen
20,7 1,3 - 17,1 - - (0,2) - 38,9
Totale schulden
van
financierings
activiteiten
802,1 16,7 - 17,1 - (1,1) - 7,1 841,9
In het kasstroom
overzicht
(financierings
activiteiten) als
volgt opgenomen:
Opbrengsten uit
leningen
1.108,2
Betaalde
financierings
kosten
(3,9)
Aflossing van
leningen
(1.087,7)

Alle leningen zijn uitgedrukt in euro per 31 december 2018 en 2017. Op 14 november 2014 heeft Ontex Group NV zijn aanbieding van 250,0 miljoen € Senior Secured Notes met rentevoet van 4,75% en looptijd tot 15 november 2021 afgesloten aan een uitgifteprijs van 100%. Op 15 november 2017 heeft de Groep alle uitstaande bedragen afgelost. Als gevolg van deze vervroegde terugbetaling, diende de Groep een wederbeleggingsvergoeding te betalen ten belope van 5,9 miljoen €, die werd opgenomen in de netto financiële kosten in de geconsolideerde resultatenrekening.

Op 26 september 2017 heeft de Groep een gesyndiceerde kredietovereenkomst afgesloten voor een bedrag van 600,0 miljoen € (Gesyndiceerde Termijnlening A) en een revolving kredietfaciliteit (Gesyndiceerde Termijnlening B) voor een bedrag van 300,0 miljoen €. De gesyndiceerde termijnlening A van 600 miljoen € met vervaldag 2022 heeft een rentevoet van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 1,50%. De gesyndiceerde termijnlening B van 82,4 miljoen € met vervaldag 2022 heeft een rentevoet van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 1,30%.

Verder heeft de Groep ook een termijnlening afgesloten voor een bedrag van 150 miljoen € met vervaldag 2024 die een rentevoet heeft van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 1,40%. Deze overeenkomst bevat ook een "accordeon" optie ten belope van 100 miljoen € en heeft een rentevoet van EURIBOR 3 maanden plus een marge van 1,40%.

Per 31 december 2018, werd 217,6 miljoen € van de senior revolving facilliteit (2017: 270,0 miljoen €) niet opgenomen.

Op 29 juli 2015 werd een volledig indekkingsprogramma (total return swap) geïmplementeerd voor de op aandelen gebaseerde betalingen (LTIP). Voor meer informatie verwijzen we naar toelichting 7.5.6 en 7.27.

Dit indekkingsprogramma werd verlengd en de total return swap werd verhoogd tot 33,0 miljoen € (2017: 25,6 miljoen €) .

7.16.1. Onderpand voor leningen

De Groep is onderhevig aan informatieconvenanten op regelmatige tijdstippen en bepaalde financiële ratio's worden opgevolgd.

Er werden geen activa als onderpand gegeven in het kader van de gesyndiceerde termijnleningen. Evenwel zijn bepaalde dochterondernemingen borgstellers voor deze leningen.

7.16.2. Overige informatie

  • Volgende kredietlijnen warden toegekend aan Productos Internacionales Mabe, S.A de C.V, waarvan niets gebruikt werd:
    • o 25,0 miljoen USD van HSBC;
    • o 6,0 miljoen USD van Banamex;
    • o 2,3 miljoen USD en 192,7 miljoen MXN van Banregio.
  • Volgende kredietlijnen warden toegekend aan Ontex Tuketim A.S.:
    • o 24,1 miljoen TRY en 1,6 miljoen USD van Isbank Turkey. Van deze kredietlijn in USD, is 0,2 miljoen USD gebruikt voor een garantiebrief afgegeven aan één van de leveranciers.
    • o 10,1 miljoen TRY van Akbank Turkey. Van deze kredietlijn werd niets gebruikt.
    • o 3,9 miljoen TRY en 0,9 miljoen USD van Garanti Turkey. Van deze kredietlijn in USD is 0,1 miljoen USD gebruikt voor een garantiebrief afgegeven aan één van de leveranciers.
  • Volgende kredietlijnen warden toegekend aan Active Industria De Cosméticos S.A., waarvan 25,2 miljoen werd gebruikt:
    • o 113,5 miljoen BRL van Banco Itaù.
    • o 26,8 miljoen BRL van Safra.
  • Volgende kredietlijnen warden toegekend aan Ontex Manufacturing Australia Pty Ltd, waarvan niets werd gebruikt:
    • o 1,0 miljoen AUD en 0,4 miljoen USD van Commonwealth Bank Australia.
  • Ontex BVBA heeft bankgaranties afgegeven ten voordele van de Italiaanse btw autoriteiten voor een bedrag van 10,2 miljoen € en voor 2,0 miljoen € ten voordele van het Italiaanse douane-agentschap per 31 december 2018.

7.17. VERPLICHTINGEN M.B.T. PERSONEELSBELONINGEN

De Groep kent haar werknemers en gepensioneerde werknemers vergoedingen na uitdiensttreding, lange termijn personeelsbeloningen en ontslagvergoedingen toe. Deze beloningen zijn opgenomen in overeenstemming met IAS 19. De bijhorende in de balans opgenomen IAS 19-verplichting kan als volgt worden samengevat:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Vergoedingen na uitdiensttreding 19,9 19,3
Langetermijnpersoneelsbeloningen 2,6 2,3
Ontslagvergoedingen1 0,1 0,1
Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen 22,6 21,7
Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen 47,9 44,7
Nettoverplichting 70,4 66,4

1Brugpensioenen maken deel uit van de ontslagvergoedingen.

De berekening van de verplichting is gebaseerd op actuariële veronderstellingen die zijn vastgesteld op de diverse balansdata. Ze zijn niet alleen gebaseerd op de macro-economische factoren die golden op de datums in kwestie, maar ook op de specifieke kenmerken van de verschillende regelingen, die gewaardeerd werden. Zij vertegenwoordigen de beste schatting van de Groep voor de toekomst. Ze worden periodiek beoordeeld in overeenstemming met de evolutie van de markten en de beschikbare statistieken.

Vergoedingen na uitdiensttreding

Ontex betaalt onder de toegezegde-bijdrageregelingen aan zowel staats- als particuliere pensioenregelingen binnen het bedrijf. Daarnaast heeft Ontex in België ook verzekerde toegezegde-pensioenregelingen en heeft Ontex tevens de verplichting om werknemers in Frankrijk en Turkije die met pensioen gaan een ontslagvergoeding te betalen.

Ontex heeft ook een aantal niet-gefinancierde pensioenregelingen ten aanzien van onze Duitse activiteiten. De Duitse bedrijfsactiviteiten financieren geen pensioenregelingen, maar nemen in de balans pensioenregelingsverplichtingen op, dit op basis van IAS 19. De pensioenuitkeringen worden betaald door de betrokken vennootschap als ze verschuldigd zijn.

De Groep heeft enkele toegezegde-bijdrageregelingen die vaste bijdragen krijgen. De wettelijke of bijdragende verplichting van de Groep aan deze plannen zijn beperkt tot de bijdragen. De kost opgenomen in de huidige periode met betrekking tot deze bijdragen bedraagt 3,6 miljoen € (zie ook toelichting 7.21; 2017: 4,1 miljoen miljoen € )

In België zijn toegezegde-bijdrageregelingen wettelijk onderhevig aan een minimum gewaarborgd rendement en worden derhalve behandeld als toegezegd-pensioen-regeling. In de praktijk wordt deze garantie hoofdzakelijk gedekt door verzekeringsmaatschappijen. Omdat er geen financieringstekort is op 31 december 2018 is er geen verplichting opgenomen in de balans (2017: nihil). De gecumuleerde reserves van deze regelingen zijn gelijk aan de activa. Er zijn geen risico's waaraan de regeling de entiteit blootstelt, meer specifiek vanuit enige ongewone, entiteitsgebonden of regelingsgebonden risico's, en enige significante concentratie van risico.

Reconciliatie van de verplichtingen met betrekking tot vergoedingen na uitdiensttreding

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
OPNAME VAN DE VERPLICHTING
Toegezegde-pensioenregelingen op het einde van de periode (30,0) (28,1)
Reële waarde van fondsbeleggingen op het einde van de periode 11,3 9,4
Financieringsstatus (18,7) (18,7)
NETTO (VERPLICHTING)/ACTIEF IN BALANS (18,7) (18,7)
TOEGEZEGDE-PENSIOENREGELINGEN
Pensioenkosten over huidige diensttijd (2,4) 1,7
Pensioenkosten over verstreken diensttijd - (0,3)
Pensioenkosten opgenomen in de resultatenrekening (2,4) 1,4
Interestkosten met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen (0,5) 0,5
Interestopbrengsten uit fondsbeleggingen 0,1 -
Netto interestkosten (0,3) 0,5
Herwaardering van andere langetermijnpersoneelsbeloning - 0,0
Pensioenkost (2,7) 1,9
in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
RECONCILIATIE VAN DE VERPLICHTING
Toegezegde-pensioenregeling aan het begin van het jaar (28,4) (28,1)
Pensioenkosten over huidige diensttijd (2,4) (1,7)
Pensioenkosten over verstreken diensttijd - 0,3
Opgenomen pensioenkosten (2,4) (1,4)
Interesten met betrekking tot toegezegde-pensioenregelingen (0,5) (0,5)
Werknemersbijdrage (0,1) (0,1)
Administratieve kosten opgenomen in toegezegde-pensioenregelingen 0,1 0,1
Belastingen voorzien in de toegezegde-pensioenregelingen 0,2 0,1
Overige significante gebeurtenissen (overdrachten) - (0,3)
Pensioenbetalingen volgens plan 0,1 0,1
Pensioenbetalingen ten laste van de werkgever 0,4 0,5
Effect van wijzigingen in de financiële veronderstellingen 0,2 (0,7)
Effect van aanpassingen op basis van de ervaring (0,1) 1,6
Effect van wisselkoersverschillen 0,4 0,3
Toegezegde-pensioenregeling aan het einde van het boekjaar (30,0) (28,4)
in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
RECONCILIATIE VAN FONDSBELEGGINGEN TEGEN REËLE
WAARDE
Reële waarde van de fondsbeleggingen aan het begin van het jaar 9,4 8,1
Interestopbrengsten 0,1 0,2
Werkgeversbijdrage 2,2 1,5
Werknemersbijdrage 0,1 0,1
Overige significante gebeurtenissen (overdrachten) - 0,3
Pensioenbetalingen (0,1) (0,1)
Pensioenbetalingen ten laste van de werkgever (0,4) (0,5)
Administratieve kosten opgenomen in toegezegde-pensioenregelingen (0,1) (0,1)
Belastingen betaald uit fondsbeleggingen (0,2) (0,2)
Rendement op fondsbeleggingen (exclusief interestopbrengsten) 0,2 0,1
Reële waarde van fondsbeleggingen aan het einde van de periode 11,3 9,4
in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
RECONCILIATIE VAN NETTO (VERPLICHTING)/ACTIEF IN DE
BALANS
Netto (verplichting)/actief bij begin van het jaar (18,9) (19,8)
Bedrijfscombinaties - -
Overige significante gebeurtenissen (overdrachten) - -
Kost voor toegzegde pensioenregelingen opgenomen in de
resultatenrekening
(2,4) (1,9)
Netto interestkost (0,3) -
Totaal herwaarderingen opgenomen in de overige elementen van het
totaalresultaat
0,3 1,0
Werkgeversbijdrage 2,2 1,7
Effect van wisselkoersverschillen 0,4 0,3
Netto (verplichting)/actief op het einde van het jaar (18,7) (18,7)
Niet-gefinancierd versus Gefinancierd
Deel van toegezegde-pensioenregelingen uit niet-gefinancierde
regelingen
(18,7) (18,9)

De fondsbeleggingen bestaan uit verzekeringscontracten.

De verwachte bijdragen aan de pensioenplannen voor het boekjaar eindigend 31 december 2019 bedragen 2,5 miljoen €.

Voornaamste actuariële veronderstellingen

Per 31 december 2018 LAND
België Duitsland Frankrijk Turkije Italië Mexico
Disconteringsvoet 1,65% * 1,35% /
1,65% /
1,50% *
1,55% * 17,0% 1,55% * 7,9%
Verwacht
langetermijnrendement
op fondsbeleggingen
1,7% 1,35% /
1,65% /
1,50%
1,6% 17,0% 1,6% 7,9%
Loonstijgingspercentage (bovenop
de inflatie)
3,3% 0,00% /
n.v.t./ n.v.t.
2,5% 12,0% n.v.t. 4,5%
Inflatiepercentage 1,8% 1,75% /
1,75% /
1,75%
1,8% 12,0% 1,8% 4,0%
Sterftetafel MR FR met
leeftijdcorrectie
minus 3 jaar
Heubeck
2018 G
INSEE
2013/2015
par sexe
C.S.O. 1980 IPS55 EMSSA09
Personeelsverloop (tabel) Geen n.v.t. Tabel 1 Venootschap
specifiek
5% vast Op basis
van
ervaring
Invaliditeitstabel n.v.t. Heubeck
2018 G
n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Gewogen gemiddelde looptijd 14,1 10,9 13,0 4,6 12,4 11,0

* Looptijd < 11: 1,35% ; looptijd tussen 11 en 12: 1,50% ; looptijd tussen 12 en 13: 1,55% ; looptijd > 13: 1,65%

Per 31 december 2017 LAND
België Duitsland Frankrijk Turkije Italië Mexico
Disconteringsvoet 1,5% * 1,20% /
1,50% /
1,25% *
1,5% * 9,7% 1,35% * 7,5%
Verwacht langetermijn
rendement op
fondsbeleggingen
1,5% 1,20% /
1,50% /
1,25%
1,5% 9,7% 1,4% 7,5%
Loonstijgingspercentage
(bovenop de inflatie)
3,3% 0,00% /
n.v.t. / n.v.t.
2,5% 5,0% n.v.t. 4,5%
Inflatiepercentage 1,8% 1,75% /
1,75% /
1,75%
1,8% 5,0% 1,8% 4,0%
Sterftetafel MR FR met
leeftijdcorrectie
minus 3 jaar
Heubeck
2005 G
INSEE
2012/2014
par sexe
C.S.O. 1980 RG48
Italiaanse
tabellen
EMSSA09
Personeelsverloop (tabel) Geen n.v.t. Tabel 1 Venootschap
specifiek
3% vast Op basis van
ervaring
Invaliditeitstabel n.v.t. Heubeck
2005 G
n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Gewogen gemiddelde
looptijd
14,1 10,9 13,0 4,6 12,4 11,0

* looptijd < 12: 1,3% ; looptijd <= 15: 1,4% ; looptijd > 15: 1,8%

Er zijn geen ongewone entiteitsgebonden of regelingsgebonden risico's waaraan de regeling de entiteit blootstelt, en er zijn geen significante risicoconcentraties.

De sensitiviteitsanalyses hieronder zijn bepaald op basis van een methode die de invloed op de toegezegde pensioenregeling van redelijke wijzigingen van de belangrijke veronderstellingen, aan het einde van de rapporteringsperiode, extrapoleert.

Sensitiviteitsanalyse Per 31 december 2018
in miljoen € België Duitsland Frankrijk Turkije Italië Mexico
Disconteringsvoet - 0,25bp (15,9) (10,2) (2,8) (1,4) (1,0) (1,0)
Disconteringsvoet + 0,25bp 14,8 9,7 2,6 1,4 1,8 1,0
Loonstijging - 0,25bp (15,2) (2,9) (2,6) (1,4) (1,8) (1,0)
Loonstijging + 0,25bp 15,5 2,9 2,8 1,4 1,8 1,0
in miljoen € Per 31 december 2017
België Duitsland Frankrijk Turkije Italië Mexico
Disconteringsvoet - 0,25bp (13,3) (9,3) (2,7) (0,4) (2,0) (1,2)
Disconteringsvoet + 0,25bp 12,4 8,8 2,5 0,4 1,8 1,2
Loonstijging - 0,25bp (12,7) (2,9) (2,5) (0,4) (1,9) (1,2)
Loonstijging + 0,25bp 13,0 2,9 2,7 0,4 1,9 1,2

Vergoedingen na uitdiensttreding per land

in miljoen € Per 31 december 2018
België Duitsland Frankrijk Turkije Italië Mexico
OPNAME VAN DE VERPLICHTING
Toegezegde-pensioenregeling op het
einde van de periode
(14,6) (8,8) (2,7) (1,1) (1,8) (1,1)
Reële waarde van fondsbeleggingen
aan het einde van de periode
11,3 - - - - -
Financieringsstatus (3,3) (8,8) (2,7) (1,1) (1,8) (1,1)
Netto (verplichting)/actief in
balans
(3,3) (8,8) (2,7) (1,1) (1,8) (1,1)
in miljoen € Per 31 december 2017
België Duitsland Frankrijk Turkije Italië Mexico
OPNAME VAN DE VERPLICHTING
Toegezegde-pensioenregeling op het
einde van de periode
(12,9) (9,1) (2,6) (0,5) (1,9) (1,2)
Reële waarde van fondsbeleggingen
aan het einde van de periode
9,4 - - - - -
Financieringsstatus (3,4) (9,1) (2,6) (0,5) (1,9) (1,2)
Netto (verplichting)/actief in
balans
(3,4) (9,1) (2,6) (0,5) (1,9) (1,2)

7.18. UITGESTELDE BELASTINGEN EN ACTUELE BELASTINGEN

Uitgestelde belastingen

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als er een wettelijk afdwingbaar recht tot verrekening bestaat en als de uitgestelde belastingen uitgaan van eenzelfde fiscale autoriteit. De uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen zijn toe te rekenen aan de volgende posten:

in miljoen € 2018 2017
Uitgestelde
belasting
vordering
Uitgestelde
belasting
verplichting
Uitgestelde
belasting
vordering
Uitgestelde
belasting
verplichting
Immateriële activa 0,2 - - (1,9)
Materiële vaste activa - (43,7) - (42,9)
Voorraden - (1,9) 0,2 -
Financiële instrumenten 1,0 - 0,4 -
Personeelsbeloningen 1,0 - 2,5 -
Toegerekende kosten en overige
schulden
2,7 - 4,3 -
Overige - (2,7) - (1,6)
Fiscale verliezen 105,3 - 109,1 -
Belastingkrediet 1,4 - 0,6 -
Totaal uitgestelde belasting
vorderingen & -verplichtingen
m.b.t. tijdelijke verschillen
111,6 (48,3) 117,1 (46,4)
Niet-opgenomen netto uitgestelde
belastingvorderingen
(86,7) - (95,2) -
Herclassificatie (netto uitgestelde
belastingsituatie per vennootschap)
1,6 (1,6) (3,6) 3,6
Totaal uitgestelde belasting
vorderingen & -verplichtingen
26,5 (49,9) 18,3 (42,8)

Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen voor tijdelijke verschillen, overgedragen fiscale aftrekken en overgedragen fiscale verliezen voor zover de realisatie van de betrokken belastingvordering via toekomstige belastbare winsten waarschijnlijk is.

De overgedragen fiscale verliezen hebben voornamelijk betrekking op Frankrijk, België, Brazilië en Spanje. In België en Frankrijk werden uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor de overgedragen fiscale verliezen ten belope van de in de nabije toekomst verwachte belastbare winsten.

Van de uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen verliezen werd ten belope van 86,7 miljoen € niet opgenomen in de balans (2017: 95,2 miljoen €) (zie toelichting 7.4.1).

Voor Spanje betreffen het de fiscale verliezen op het niveau van de Spaanse dochteronderneming die werd overgenomen als onderdeel van Grupo Mabe. In Brazilië betreft het de fiscale verliezen op het niveau van de Braziliaanse dochteronderneming die werd overgenomen van Hypermarcas. In beide landen kunnen fiscale verliezen in principe onbeperkt worden gecompenseerd, doch de huidige winstniveaus in de relevante entiteiten zijn zodanig dat er geen uitgestelde belastingvordering is erkend voor het boekjaar 2018. Ook moet er rekening gehouden worden met het feit dat er geen fiscale consolidatie is toegestaan in Brazilië en dat in Spanje geen pre-acquisitie fiscale verliezen kunnen gecompenseerd worden met winsten van de reeds bestaande Ontex entiteiten.

De Groep heeft geen uitgestelde belastingen opgenomen die verband houden met investeringen in dochterondernemingen. Er is momenteel geen beleid of gedetailleerd plan met betrekking tot de betaling van dividenden binnen de Groep.

Actuele belastingen

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Actuele belastingvorderingen 12,5 7,1
Actuele belastingverplichtingen (46,0) (50,9)

De actuele belastingvorderingen zijn voornamelijk gerelateerd aan een teveel aan voorafbetalingen in vergelijking met de effectieve belastingverplichting voor het jaar. De actuele belastingverplichtingen omvatten 35,6 miljoen € aan schulden m.b.t. winstbelasting (2017: 36,8 miljoen €) en 10,4 miljoen € aan voorziening voor onzekere belastingsposities (2017: 14,1 miljoen €).

7.19. KORTLOPENDE EN LANGLOPENDE VERPLICHTINGEN

Overige kortlopende verplichtingen (exclusief voorzieningen, actuele belastingverplichtingen, leningen en verplichtingen die rechtstreeks verband houden met vaste activa bestemd voor verkoop) kunnen als volgt worden weergegeven:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Toegerekende kosten en overige schulden 31,8 32,8
Min: Langlopend gedeelte - -
Kortlopende toegerekende kosten en overige schulden 31,8 32,8
Overige kortlopende financiële verplichtingen 0,0 20,8
Handelsschulden 501,0 473,3
Personeelsbeloningen - kortlopend 47,9 44,7
Totaal kortlopende verplichtingen 580,7 571,7
Overige langlopende financiële verplichtingen - -

De Overige kortlopende financiële schulden per 31 december 2017 hebben betrekking op de uitgestelde vergoedingen voor de overnames van Grupo Mabe (15,8 miljoen €) en Serenity (5,0 miljoen €).

7.20. VOORZIENINGEN

in miljoen € Juridische
geschillen
Herstructurering Overige Totaal
Openingsaldo 7,2 1,0 - 8,2
Toevoegingen voorzieningen 0,4 2,2 0,1 2,7
Teruggenomen bedragen (0,1) (0,5) (0,2) (0,8)
Aanwendingen tijdens het jaar (0,1) (1,4) - (1,5)
Transferten (0,6) (0,5) 1,1 -
Per 31 december 2018 6,8 0,8 1,0 8,6
Waarvan langlopend - - - -
Waarvan kortlopend 6,8 0,8 1,0 8,6

De Groep legt een voorziening aan voor juridische geschillen, die werden aangespannen tegen de Groep, door klanten, leveranciers of voormalige werknemers.

Op 2 september 2014 werd de groep in kennis gesteld door de Spaanse nationale concurrentie commissie (CNMC) van hun onderzoek tegen 15 vennootschappen in de sector (waaronder 3 dochtervennootschappen van de groep: Ontex ES Holdco,S.A, Ontex Penninsular, S.A.U en Ontex ID, S.A U.) naar vermeende inbreuken tegen prijsafspraken en andere commerciële condities in de Spaanse afzetmarkt voor incontinentieproducten. Op 26 mei 2016, naar aanleiding van het onderzoek, heeft CNMC zijn beslissing uitgevaardigd. In de beslissing worden 8 bedrijven, waaronder Ontex' Spaanse dochtervennootschappen, schuldig bevonden aan deelname aan een kartel. Naar aanleiding van haar betrokkenheid van 1999 tot 2014, ontving Ontex een boete van 5,2 miljoen euro. Ontex heeft beroep aangetekend tegen deze beslissing. Naar aanleiding van dit geschil werd er een voorziening ten belope van 5,2 miljoen € aangelegd per 31 december 2016. De voorziening is onveranderd per 31 december 2018.

7.21. KOSTEN MET BETREKKING TOT PERSONEELSBELONINGEN

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Bezoldigingen (255,6) (243,7)
Sociale lasten (61,6) (61,1)
Toegezegde-pensioenregeling - Pensioenkost van het dienstjaar (toelichting
17)
(2,4) (1,4)
Toegezegde-bijdrageregeling - Pensioenkost (3,6) (4,1)
Overige personeelskosten (31,1) (26,5)
Totaal kosten m.b.t. personeelsbeloningen (354,4) (336,7)
In voltijdse equivalenten 2018 2017
Gemiddeld totaal aantal werknemers 10.750 11.013
Waarvan:
- arbeiders 6.944 7.475
- bedienden 3.706 3.431
- management 100 107

De 2017 cijfers omvatten het gemiddeld aantal voor Ontex Brazilië sinds 7 maart 2017.

7.22. OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN/(KOSTEN), NETTO

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Meerwaarden op de verkoop van activa 0,9 (0,1)
Wisselkoersverschillen op bedrijfsactiviteiten 2,7 (0,5)
Minderwaarden op de verkoop van activa (1,0) (0,6)
Overige opbrengsten/(kosten) (0,7) 0,7
Totaal overige bedrijfsopbrengsten/(kosten), netto 1,9 (0,5)

7.23. NIET-RECURRENTE OPBRENGSTEN EN KOSTEN

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Fabriekssluiting (5,9) (0,1)
Bedrijfsherstructurering (11,1) (4,2)
Elementen verbonden aan overnames 2,5 2,1
Wijziging in reële waarde van voorwaardelijke vergoeding (1,0) (2,2)
Opbrengsten en kosten gerelateerd aan wijzigingen in groepsstructuur (15,5) (4,4)
Bijzondere waardeverminderingen op activa (8,8) (0,1)
Opbrengsten en kosten gerelateerd aan bijzondere
waardeverminderingen en significante geschillen
(8,8) (0,1)
Totaal niet-recurrente opbrengsten en kosten (24,3) (4,5)

Kosten die opgenomen zijn onder de rubriek niet-recurrente opbrengsten en kosten zijn die kosten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de gewone bedrijfsactiviteiten van de Onderneming. De Groep heeft deze classificatie overgenomen voor een beter begrip van de recurrente financiële prestaties van de Groep.

Deze niet-recurrente opbrengsten en kosten worden als volgt gepresenteerd in de geconsolideerde resultatenrekening:

  • Opbrengsten en kosten met betrekking tot wijzigingen in de groepstructuur; en
  • Opbrengsten/(Kosten) gerelateerd aan waardeverminderingen en significante geschillen.

7.23.1. Opbrengsten en kosten gerelateerd aan wijzigingen in de groepstructuur

Fabriekssluitingen

De Groep kondigde in mei 2018 haar beslissing aan om haar productie-activiteit in Aparecida de Goiânia over te brengen naar haar productievestiging in Senador Canedo, beide in de deelstaat Goiás. Deze stap is genomen na een grondige analyse en houdt rekening met de efficiëntiewinst van het combineren van de volledige productie in één enkele vestiging, waar het mogelijk zal zijn om efficiënte technologieën en processen in te voeren. Alle alternatieven werden onderzocht om de impact op de medewerkers van Ontex in Aparecida de Goiânia te beperken. De meerderheid van hen zal overgaan naar Senador Canedo. De kosten opgenomen per 31 december 2018 hebben voornamelijk betrekking op de herstructureringskosten (5,9 miljoen €) en bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie hieronder in 7.23.2). Deze overgang zal zich doorzetten in 2019 om de ommekeer in Brazilië te finaliseren

Bedrijfsherstructurering

De Groep voerde een aantal projecten uit om het beheer van haar activiteiten te optimaliseren. In 2018 hebben de kosten betrekking op de opening van onze nieuwe productiefaciliteit in Polen, de kosten opgelopen in het kader van het ongevraagd en niet-bindend voostel tot een mogelijk bod in cash op de uitstaande aandelen van Ontex door PAI Partners SAS en de kosten in het kader van de optimisatie van de verkoopactiviteiten in Brazilië.

De kosten in 2017 hebben betrekking op de kosten naar aanleiding van de verhuis van twee bestaande fabrieken in Frankrijk naar één nieuwe site. De 2017 kosten bevatten verder ook de kosten voor de verhuis naar een nieuwe productie-faciliteit in Rusland en de opstartkosten voor een nieuwe entiteit in Ethiopië waar zowel de productie als de commerciële activiteiten zullen ondergebracht worden.

Elementen verbonden aan de overnames

In 2018 werd een opbrengst van 5,0 miljoen € gerealiseerd als gevolg van de terugname van de verplichting betreffende de uitgestelde vergoeding op de overname van Serenity aangezien de uitbetaling ervan als onwaarschijnlijk wordt beschouwd. Verder heeft de Groep kosten opgelopen in het kader van de lopende integratie van Grupo Mabe en Ontex Brazilië.

In 2017 werd een opbrengst gerealiseerd van 10 miljoen € als gevolg van het feit dat de performantie-doelstelling voor de 2017 EBITDA die gezet werd voor de bijkomende uitgestelde vergoeding in het kader van de overname van Grupo Mabe niet werd bereikt. De kosten voor de integratie van Grupo Mabe bedroegen 1,8 miljoen € in 2017. De kosten voor de verwerving en integratie van Ontex Brazilië bedroegen 6,1 miljoen € in 2017.

Wijzigingen in de reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding

De kosten hebben betrekking op verliezen op de herwaardering van de betalingen van de uitgestelde vergoedingen die in MXN zijn uitgedrukt in het kader van de overname van onze Mexicaanse activiteiten in 2016.

7.23.2. Opbrengsten en kosten gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen

Bijzondere waardeverminderingen van activa

De bijzondere waardevermindering op activa is een niet-kaskost en heeft in 2018 voornamelijk betrekking op de bijzondere waardevermindering resulterende uit de overdracht van de productie-activiteiten in Aparecida de Goiânia in Brazilië naar haar productiefaciliteit in Senador Canedo.

7.24. KOSTEN VOLGENS AARD

De indeling van de kosten gebaseerd op de aard van de kosten is een alternatieve presentatie van de kosten opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening. Ze maken deel uit van "Kostprijs van de omzet", "Distributiekosten", "Verkoop- en Marketingkosten" en "Algemene beheerskosten" met betrekking tot de jaren afgesloten op 31 december:

in miljoen € Toelichting Boekjaar
2018 2017
Voorraadswijzigingen 9,7 (58,3)
Grond- en hulpstoffen (1.358,9) (1.307,5)
Kosten verbonden aan personeelsbeloningen 21 (354,4) (336,7)
Afschrijvingen 9-10 (56,9) (53,5)
Verleende diensten (312,8) (345,8)
Operationele leasebetalingen 10 (43,7) (40,2)
Overige opbrengsten/(kosten) 22 1,9 (0,5)
Totaal kostprijs van de omzet, distributiekosten, verkoop- en
marketingkosten en algemene beheerskosten
(2.115,1) (2.142,5)

7.25. NETTO FINANCIËLE KOSTEN

De verschillende componenten van de netto financiële kosten zijn de volgende:

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Interesten op vlottende activa 2,5 3,5
Winst op herfinanciering - 8,8
Overige - 0,1
Financiële opbrengsten 2,5 12,4
Interesten op rentedragende leningen (14,4) (21,3)
Reële-waardeaanpassing op uitgestelde vergoeding 0,0 (1,2)
Afschrijvingen van financierinsgkosten (3,6) (5,9)
Interesten op andere leningen (7,1) (7,3)
Interestkosten (25,1) (35,6)
Bankkosten (2,2) (8,9)
Vergoeding voor factoring (1,1) (1,5)
Verliezen op afgeleide instrumenten en deports termijncontracten (1,2) (2,3)
Overige (0,3) -
Financiële kosten (29,9) (48,3)
Financiële opbrengsten volgens de resultatenrekening 2,5 12,3
Financiële kosten volgens de resultatenrekening (29,9) (48,3)
Wisselkoersverschillen op financieringsactiviteiten (1,2) (7,8)
Netto financiële kosten volgens de resultatenrekening (28,6) (43,8)

Reconciliatie met het kasstroomoverzicht:

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Totale interestkosten (21,1) (27,1)
Beweging op toe te rekenen interesten en aangroeiende interest (0,7) (1,2)
Betaalde interesten (21,8) (28,3)
Totale interestopbrengsten 2,5 3,5
Beweging op toe te rekenen interesten - (0,2)
Ontvangen interesten 2,5 3,3

7.26. WINSTBELASTINGEN

De winstbelasting (ten laste van)/ten gunste van de resultatenrekening gedurende het jaar is als volgt:

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Actuele winstbelastingen - (kost)/opbrengst (28,9) (43,1)
Uitgestelde belastingen - (kost)/opbrengst 1,7 7,0
Totaal winstbelastingen (27,2) (36,1)

De winstbelasting kan als volgt gereconcilieerd worden:

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Winst vóór winstbelastingen 124,2 164,5
winstbelasting berekend aan geldende belastingvoeten (31,2) (44,3)
Verworpen uitgaven (4,3) (4,4)
Gebruik van voorheen niet-opgenomen fiscale verliezen 1,6 5,1
Gebruik van voorheen opgenomen fiscale verliezen 3,3 0,8
Effect van niet-gebruikte fiscale verliezen waarvoor geen uitgestelde
belastingvorderingen werden opgenomen
(3,7) (4,7)
Effect van voorheen niet-opgenomen fiscale verliezen waarvoor uitgestelde
belastingvorderingen werden opgenomen
8,5 6,9
Aanpassingen met betrekking tot voorbije jaren (3,4) (1,5)
Effect van wijziging in belastingvoeten - 4,8
Overige 2,0 1,2
Totaal winstbelastingen (27,2) (36,1)

7.27. OP AANDELEN GEBASEERDE BETALINGEN

Sinds september 2014 heeft de Groep lange termijn beloningsplannen ("LTIP") geïmplementeerd die gebaseerd zijn op een combinatie van aandelenopties (verder "Opties" genoemd) en voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (verder "RSU's – Restricted Stock Units genoemd). De Opties en RSU's worden gewaardeerd als op aandelen gebaseerde betalingen die in eigen vermogensinstrumenten worden afgewikkeld. RSU's kunnen enkel onvoorwaardelijk eigendom worden drie jaar na de toekenning en opties die het recht geven om aandelen te ontvangen van de Groep (verder genoemd de "Aandelen") of enig ander recht om aandelen te ontvangen kunnen pas uitgeoefend worden drie jaar na de toekenning. De toekenning van de plannen zal onvoorwaardelijk toegekend worden op voorwaarde dat de deelnemer in dienst blijft. De aandelenprijs wordt beschouwd als de relevante performantie-indicator en het onvoorwaardelijk toekennen van de plannen zal niet onderhevig zijn aan bijkomende specifieke performatie-indicatoren. De statuten kunnen de Groep toelaten om van deze regel af te wijken in overeenstemming met het Belgisch Wetboek van Vennootschappen.

De uitoefenprijs van de Opties zal gelijk zijn aan de laatste slotkoers van het aandeel die onmiddellijk voorafgaat aan de datum van het toekennen van de optie. Voor de opties zal de uitoefenperiode starten op de datum waarop ze onvoorwaardelijk zijn geworden ("vesting date").

De onderliggende aandelen van de RSU's worden toegekend zonder vergoeding zo snel als mogelijk na de datum van onvoorwaardelijk worden ("vesting date").

Wanneer de RSU's onvoorwaardelijk zijn geworden, worden de onderliggende Aandelen van de RSU's getransfereerd naar de deelnemers. Op het moment van het onvoorwaardelijk worden, mogen de opties uitgeoefend worden tot hun vervaldatum (8 jaar na de datum van toekenning).

Op of rond 26 september 2014 werden een totaal van 242.642 aandelenopties en 49.040 RSU's toegekend. 69.644 aandelenopties en 49.040 RSU's zijn opgegeven, vervallen of uitgeoefend op 31 december 2018. De aandelenopties en RSU's zijn uitoefenbaar tussen september 2017 en september 2022.

Op of rond 26 juni 2015 werden een totaal van 159.413 aandelenopties en 38.294 RSU's toegekend. 19.746 aandelenopties en 38.294 RSU's zijn opgegeven, vervallen of uitgeoefend per 31 december 2018. De aandelenopties en RSU's zijn uitoefenbaar tussen juni 2018 en juni 2023.

Op of rond 15 juni 2016 werden een totaal van 322.294 aandelenopties en 75.227 RSU's toegekend. 51.027 aandelenopties en 11.909 RSU's zijn opgegeven, vervallen of uitgeoefend per 31 december 2018. De aandelenopties en RSU's zijn uitoefenbaar tussen juni 2019 en juni 2024.

Op of rond 10 mei 2017 werden een totaal van 299.914 aandelenopties en 69.023 RSU's toegekend. 36.078 aandelenopties en 8.303 RSU's zijn opgegeven, vervallen of uitgeoefend per 31 december 2018. De aandelenopties en RSU's zijn uitoefenbaar tussen juni 2020 en juni 2025.

Tijdens het boekjaar werd een nieuw LTIP plan toegekend bestaande uit 471.064 aandelenopties en 93.576 RSU's. 34.406 aandelenopties en 7.430 RSU's zijn opgegeven, vervallen of uitgeoefend per 31 december 2018. De aandelenopties en RSU's zijn uitoefenbaar tussen juni 2021 en juni 2026.

De Raad van Bestuur van de Groep heeft op 1 juni 2015 beslist om een volledig indekkingsprogramma (total return swap) te implementeren voor de indekking van de programma's aangaande de op aandelen gebaseerde betalingen startend op 1 juli 2015 en jaarlijks hernieuwd.

Volgende overeenkomsten aangaande op aandelen gebaseerde betalingen waren in voege tijdens het boekjaar:

Vervaldatum Uitoefenprijs
per optie (€)
Reële
waarde (€)
Aantal
opties/RSU's
per 31
december
2018
Aantal
opties/RSU's
per 31
december 2017
LTIP 2014
Opties 2022 17,87 3,57 172.998 184.666
RSU's 2017 N/A 15,97 - -
LTIP 2015
Opties 2023 26,60 6,39 139.667 139.667
RSU's 2018 N/A 24,45 - 33.551
LTIP 2016
Opties 2024 28,44 6,64 271.267 291.689
RSU's 2019 N/A 26,48 63.318 68.084
LTIP 2017
Opties 2025 33,11 7,62 263.836 299.914
RSU's 2020 N/A 30,45 60.720 69.023
LTIP 2018
Opties 2026 23,56 4,68 433.658 -
RSU's 2021 N/A 21,35 86.146 -
Totaal uitstaande opties 1.281.426 915.936
Totaal uitstaande RSU's 210.184 170.658

Volgende tabel reconcilieert de uitstaande opties aan het begin en aan het einde van het jaar:

Gemiddelde uitoefenprijs per optie (€)1 Opties RSU's
Per 1 januari 2017 23,54 686.430 108.849
Toegekend 33,11 299.914 69.023
Geannuleerd 24,39 (46.426) (7.214)
Uitgeoefend² 17,87 (23.982) -
Per 31 december 2017 27,56 915.936 170.658
Toegekend 33,11 471.064 93.576
Geannuleerd 32,09 (93.906) (20.499)
Uitgeoefend² 17,87 (11.668) (33.551)
Per 31 december 2018 29,35 1.281.426 210.184
waarvan verworven en uitoefenbaar 21,77 312.665 -

1 De gemiddelde uitoefenprijs, weergegeven in de hierboven tabel, heeft enkel betrekking op de aandelenopties gezien de RSU's geen uitoefenprijs hebben.

² De gewogen gemiddelde aandelenprijs van de opties uitgeoefend gedurende het jaar eindigend 31 december 2018 was 22,64 € (2017: 29,08 €).

De reële marktwaarde van de aandelenopties werd bepaald op basis van het Black&Scholes model. De verwachte volatiliteit die in het model werd gebruikt is gebaseerd op de historische volatiliteit van de Onderneming.

Het overzicht hieronder geeft alle parameters weer die gebruikt werden in het model:

LTIP 2014 LTIP 2015 LTIP 2016 LTIP 2017 LTIP 2018
Uitoefenprijs (€) 17,87 26,60 28,44 33,11 23,56
Verwachte volatiliteit van de
aandelen (%)
23,58% 26,32% 26,56% 27,12% 25,63%
Verwacht rendement van de
aandelen (%)
2,94% 2,14% 1,98% 2,31% 2,70%
Risicovrije rentevoet (%) 1,13% 1,02% 0,37% 0,60% 0,69%

De marktwaarde van de RSU's werd bepaald door de verwachte en verdisconteerde dividendenstromen af te trekken van de uitoefenprijs. Dezelfde als de hierboven vermelde parameters werden hiervoor gebruikt.

De sociale lasten met betrekking tot het LTIP worden voorzien over de looptijd.

7.28. VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

De Groep is betrokken bij een aantal geschillen met betrekking tot milieuzaken, contracten, productaansprakelijkheid, octrooien (of intellectuele eigendom), werkgelegenheid en andere claims in verband met onze bedrijfsactiviteiten.

De Groep is momenteel van oordeel dat alle claims en geschillen, individueel of gezamenlijk, geen materieel nadelig effect zullen hebben op onze geconsolideerde balans, bedrijfsresultaten of liquiditeit.

7.29. VERBINTENISSEN

7.29.1. Investeringsverbintenissen

De Groep heeft zich contractueel verplicht tot investeringsuitgaven met betrekking tot de aankoop van materiële vaste activa per 31 december 2018 ten bedrage van 26,3 miljoen € (2017: 40,1 miljoen €).

7.29.2. Verbintenissen als gevolg van operationele leaseovereenkomsten

De Groep heeft zich contractueel verbonden tot een aantal huurcontracten die beëindigd kunnen worden met inachtneming van de opzegperiode die in elk rechtsgebied anders is.

De Groep huurt machines die gebruikt worden in de productie. De kenmerkende leasevoorwaarden zijn afhankelijk van het land waarin de leaseovereenkomst wordt aangegaan. De meerderheid van de leaseovereenkomsten zijn vernieuwbaar aan het einde van de huurperiode tegen het markttarief.

Een overzicht van de huurlasten ten laste van de resultatenrekening in de respectieve jaren wordt gegeven in toelichting 7.10 "Materiële vaste activa". Verplichtingen inzake toekomstige minimale leasebetalingen, die geclaimd kunnen worden onder eenvoudige niet-opzegbare leasecontracten, worden als volgt onderverdeeld:

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
Binnen het jaar 35,7 18,4
Van 1 tot 5 jaar 91,4 42,4
Na 5 jaar 33,8 20,3
Totaal 160,9 81,1

7.29.3. Bankwaarborgen

Zoals aangegeven in toelichting 7.16 "Rentedragende leningen", zijn geen activa in pand gegeven als zekerheid voor deze leningen. Het gehele bedrag van de bankleningen van de Groep en de toe te rekenen interestlasten zijn gewaarborgd door collectieve onderpandovereenkomsten.

De Groep heeft bankwaarborgen gesteld ten belope van 41,8 miljoen € op 31 december 2018 om deel te kunnen nemen aan openbare offertes (2017: 29,2 miljoen €).

7.30. TRANSACTIES MET VERBONDEN PARTIJEN

Als onderdeel van onze activiteiten heeft Ontex verschillende transacties aangegaan met verbonden partijen.

7.30.1. Geconsolideerde vennootschappen

Een lijst van de dochterondernemingen is te vinden in toelichting 7.7 "Lijst van geconsolideerde ondernemingen".

7.30.2. Relaties met de aandeelhouders

Er zijn geen transacties geweest met de aandeelhouders per 31 december 2018 (noch in 2017).

7.30.3. Relaties met niet-uitvoerende leden van de Raad van Bestuur

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Vergoedingen 0,9 0,7

7.30.4. Relaties met de managers op sleutelposities

De managers die sleutelposities innemen binnen de Groep zijn die personen die bevoegd en verantwoordelijk zijn voor het plannen, aansturen en controleren van de activiteiten van de Groep. De managers op sleutelposities binnen de Groep zijn allen lid van het Management Comité.

7.30.5. Vergoedingen aan management op sleutelposities

Vergoeding van de CEO Boekjaar
in miljoen € 2018 2017
Vaste en variabele vergoeding 1,6 1,3
Vergoeding van het Executive Team (met uitsluiting van Boekjaar
CEO)
in miljoen €
2018 2017
Vaste vergoedingen 4,7 4,3
Variabele vergoedingen 1,9 1,2
Overige vergoedingen 0,8 0,5
Totaal 7,4 6,0

De Groep heeft Lange Termijn Beloningsplannen ("LTIP") geïmplementeerd die gebaseerd zijn op een combinatie van aandelenopties en voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (RSU's) (Zie toelichting 7.27).

Het aantal aandelenopties en voorwaardelijke toegekende aandelen-eenheden (RSU's) die werden toegekend aan de CEO en het Executive Management Team is als volgt:

Voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2018 Aantal RSU's Aantal opties
LTIP 2014
CEO 7.868 38.930
Executive Team (exclusief CEO) 21.163 104.720
LTIP 2015
CEO 6.884 28.661
Executive Team (exclusief CEO) 15.786 65.718
LTIP 2016
CEO 14.522 62.220
Executive Team (exclusief CEO) 37.496 160.65
LTIP 2017
CEO 10.368 45.052
Executive Team (exclusief CEO) 36.982 160.699
LTIP 2018
CEO 14.921 75.114
Executive Team (exclusief CEO) 47.478 239.016

7.31. GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM

Op 7 maart 2019 heeft Ontex zijn intentie meegedeeld aan de werknemers om de productie in de fabriek in Yangzhou (China) stop te zetten tegen midden 2019. Deze fabriek produceert voornamelijk dameshygiëneproducten voor de West-Europese markt, en deze productie zal herverdeeld worden aan de andere productievestigingen van Ontex. Ontex verwacht dat deze beslissing geen significante impact zal hebben op de financiële resultaten van de Groep.

De raad van bestuur zal aan de jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders voorstellen om de toekenning van een bruto-dividend van 0,41 € per aandeel goed te keuren (2017: 0,60 € per aandeel). In overeenstemming met IAS 10 Gebeurtenissen na de verslagperiode is het voorstel tot dividenduitkering niet opgenomen in de balans op jaareinde als schuld.

Er hebben zich geen andere belangrijke gebeurtenissen voorgedaan na het einde van de verslagperiode die de informatie opgenomen in deze geconsolideerde jaarrekening zou beïnvloeden.

7.32. HONORARIA VERBONDEN AAN DE COMMISSARIS

in € thousands Boekjaar
2018 2017
Vergoedingen voor audit opdrachten 1.108,4 1.090,0
Additionele diensten in het kader van het auditmandaat
Aan de audit verbonden vergoedingen 95,5 48,0
Vergoedingen voor belastingadvies & compliance 270,3 639,0
Due diligence vergoedingen - -
Overige vergoedingen 22,9 -
Totaal 1.497,1 1.777,0

SAMENVATTING STATUTAIRE ENKELVOUDIGE JAARREKENING

STATUTAIRE BALANS NA WINSTVERDELING

in miljoen € 31 december 2018 31 december 2017
ACTIVA 3.282,5 3.231,8
VASTE ACTIVA 3.078,9 3.036,2
Oprichtingskosten 1,6 2,2
Immateriële vaste activa 45,4 72,0
Materiële vaste activa 2,1 2,6
Financiële vaste activa 3.029,9 2.959,4
Verbonden ondernemingen 1.908,0 1.908,0
Vorderingen op meer dan één jaar 1.121,8 1.051,3
Andere financiële vaste activa 0,1 0,2
VLOTTENDE ACTIVA 203,5 195,6
Vorderingen op ten hoogste één jaar 121,3 119,4
Eigen aandelen 27,9 29,3
Liquide middelen 52,1 43,4
Overlopende rekeningen 2,2 3,5
PASSIVA 3.282,5 3.231,8
EIGEN VERMOGEN 1.994,0 2.032,4
Kapitaal 823,6 823,6
Uitgiftepremies 412,7 412,7
Reserves 285,6 321,3
Overgedragen winst (verlies) 472,1 474,7
VOORZIENINGEN EN UITGESTELDE BELASTINGEN 4,4 7,1
SCHULDEN 1.284,0 1.192,3
Schulden op meer dan één jaar 806,5 793,6
Financiële schulden 806,5 793,6
Schulden op ten hoogste één jaar 476,6 397,6
Financiële schulden 241,5 184,1
Handelsschulden 8,9 6,3
Schulden met betrekking tot belastingen,
bezoldigingen en sociale lasten
5,4 3,5
Overige schulden 220,7 203,8
Overlopende rekeningen 0,9 1,0

STATUTAIRE RESULTATENREKENING

in miljoen € Boekjaar
2018 2017
Bedrijfsopbrengsten 41,9 46,4
Bedrijfskosten (69,5) (68,8)
Bedrijfsverlies (27,7) (22,4)
Financieel resultaat 24,5 27,5
Winst/(Verlies) voor de periode vóór belastingen (3,2) 5,1
Belastingen op het resultaat (1,4) (1,1)
Winst/(Verlies) voor de periode (4,6) 4,0

UITTREKSEL UIT DE ENKELVOUDIGE (NIET-GECONSOLIDEERDE) JAARREKENING VAN ONTEX GROUP NV, OPGESTELD VOLGENS BELGISCHE BOEKHOUDNORMEN

De voorgaande informatie werd gehaald uit de enkelvoudige jaarrekening volgens Belgische boekhoudnormen van Ontex Group NV en wordt opgenomen zoals vereist door artikel 105 van het Wetboek van Vennootschappen. De volledige enkelvoudige jaarrekening zal samen met het jaarrapport van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering en met het verslag van de commissaris aan de Nationale Bank van België worden overgemaakt binnen de wettelijke termijn. Deze documenten zijn ook op aanvraag beschikbaar bij Ontex Group NV, Korte Keppestraat 21, 9320 Aalst (Erembodegem).

Het statutaire verslag van de commissaris is 'zonder voorbehoud' en bevestigt dat de enkelvoudige jaarrekening van Ontex Group NV die is opgesteld volgens de Belgische boekhoudnormen voor het jaar eindigend op 31 december 2018 een getrouw beeld geeft van de financiële positie en de resultaten van Ontex Group NV in overeenstemming met de wettelijke en regelgevende verordeningen in België.

INVESTOR RELATIONS EN FINANCIËLE COMMUNICATIE

HET IS ONS DOEL OM OP GEREGELDE TIJDSTIPPEN BETROUWBARE EN SAMENHANGENDE INFORMATIE OVER ONZE STRATEGIE, ONZE DOELEN, EN ONZE VOORUITGANG TE BIEDEN AAN ALLE SPELERS OP DE FINANCIËLE MARKTEN. SINDS ONZE BEURSINTRODUCTIE IN JUNI 2014 ZIJN WE VOLOP AAN HET BOUWEN AAN ONZE RELATIES MET ONZE INVESTEERDERS.

We hebben in 2018 op verschillende plaatsen in Europa en Noord-Amerika tijdens roadshows en conferenties beleggers ontmoet, zowel de huidige als potentiële aandeelhouders.

1. AANDEELHOUDERSSTRUCTUUR

Op basis van verklaringen die Ontex Groep NV in de periode tot 31 december 2018 had ontvangen, zag de aandeelhoudersstructuur er op die datum als volgt uit:

Aandeelhouders Aantal aandelen %1
Groupe Bruxelles Lambert SA 16.454.453 19,98%
Janus Capital Management LLC 3.424.055 4,75%
The Pamajugo Irrevocable Trust 2.722.221 3,64%
Black Creek Investment Management Inc. 2.493.603 3,03%
AXA Investment Managers SA 2.053.236 3,02%

2. PRESTATIE VAN HET AANDEEL

Ons aandeel is genoteerd op de Euronext Brussels. Het Ontex aandeel presteerde zwakker dan relevante indicatoren en peers in 2018. De aandeelprijs werd negatief beïnvloed in juli en augustus nadat Ontex een ongevraagd en niet-bindend bod kreeg van PAI Partners SAS betreffende een mogelijke cash offer voor de openstaande aandelen in Ontex, hetwelke unaniem verworpen werd door de Raad van Bestuur van Ontex.

Prestaties van het aandeel van Ontex in vergelijking met de marktindexen en de fabrikanten van hygiënische wegwerpproducten:

1 Percentage based on the outstanding share capital of the Company at the time of the declaration.

3. BEOORDELING ANALISTEN

Ontex werd op 31 december 2018 beoordeeld door 15 analisten.

FINANCIÊLE KALENDER 2019 Date
Eerste kwartaal 2019 May 8, 2019
Jaarlijkse Algemene Aandeelhoudersvergadering May 24, 2019
Halfjaar 2019 July 31, 2019
Derde kwartaal 2019 November 6, 2019

4. INVESTOR CONTACTS

Philip Ludwig

Head of Investor Relations and Financial Communications

+32 53 333 730

[email protected]

5. PRESS CONTACTS

Gaëlle Vilatte

Head of Corporate Communications +32 53 333 708 [email protected]

6. SUSTAINABILITY CONTACTS

Elise Barbé

.

Group Sustainability Specialist +32 53 333 756 [email protected] Send us your feedback: [email protected]

WOORDENLIJST

Beschrijving
EBITDA EBITDA wordt gedefinieerd als netto resultaat vóór aftrek van netto financiële
kosten, winstbelastingen en afschrijvingen.
Hefboomratio (leverage) Netto financiële schuld gedeeld door de LTM recurrente EBITDA.
LTM recurrente EBITDA LTM recurrente EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA plus niet-recurrente
opbrengsten en kosten en met uitsluiting van de bijzondere
waardeverminderingen op activa voor de laatste twaalf maanden (LTM).
Netto financiële schuld De nettoschuldpositie wordt berekend door de korte termijn- en lange
termijnschuld op te tellen en de geldmiddelen en kasequivalenten af te
trekken.
Niet-recurrente opbrengsten en kosten Niet-recurrente opbrengsten en kosten zijn deze componenten die door het
management niet beschouwd worden als verbonden aan de gewone
bedrijfsactiviteiten van de Groep. Deze opbrengsten en kosten worden
afzonderlijk gepresenteerd omdat ze belangrijk zijn voor een goed begrip door
de gebruikers van de geconsolideerde jaarrekening van de "normale"
prestaties van de Groep vanwege hun omvang of aard.
De niet-recurrente opbrengsten en kosten hebben betrekking op:
- Kosten verbonden aan overnames;
- Wijzigingen in de waardering van de voorwaardelijke vergoedingen in het
kader van bedrijfscombinaties;
- Herstructureringskosten, met inbegrip van kosten die betrekking hebben
op de vereffening van dochterondernemingen en de sluiting, opening of
verplaatsing van fabrieken;
- Bijzondere waardeverminderingen op activa.
Niet-recurrente opbrengsten en kosten van de Groep bestaan uit volgende
componenten in de geconsolideerde resultatenrekening:
- Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur;
en
- Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen
en significante geschillen.
Omzet op vergelijkbare basis (LFL) Omzet aan constante wisselkoers en exclusief wijzigingen in de
consolidatiekring of Fusies en Acquisities.
Pro forma omzet aan constante
wisselkoers
De pro-forma omzet aan constante wisselkoers wordt gedefinieerd als de
omzet voor de periode van 12 maanden op datum van de rapportering aan de
wisselkoersen van vorig jaar en inclusief de impact van Fusies en Acquisities.
Recurrente EBITDA Recurrente EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA plus niet-recurrente
opbrengsten en kosten exclusief bijzondere waardeverminderingen.
Recurrente EBITDA marge Recurrente EBITDA marge wordt gedefinieerd als recurrente EBITDA gedeeld
door de omzet.
Recurrente gewone winst Recurrente gewone winst wordt gedefinieerd als Winst van de periode plus
niet-recurrente opbrengsten en kosten en belastingseffect op niet-recurrente
opbrengsten en kosten, toewijsbaar aan de aandeelhouders van de Groep.
Recurrente gewone winst per aandeel Recurrente gewone winst per aandeel wordt gedefineerd als de recurrente
gewone winst gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.
Recurrente winst voor de periode Recurrente winst voor de periode wordt gedefinieerd als de winst plus niet
recurrente kosten en opbrengsten en het belastingseffect op de nietrecurrente
kosten en opbrengsten, toewijsbaar aan de aandeelhouders van de Groep.
Recurrente verwaterde winst per
aandeel
Overeenkomstig IAS 33 moet de verwaterde winst per aandeel worden
berekend door de recurrente gewone winst toerekenbaar aan de houders van
gewone aandelen van de Groep (na aanpassing van de effecten van alle
potentiële verwaterde gewone aandelen) te delen door het gewogen
gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar, vermeerderd
met het gewogen gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen dat zou
worden uitgegeven bij een omzetting van alle verwaterende potentiële gewone
aandelen in gewone aandelen.
Recurrente vrije kasstroom Recurrente vrije kasstroom wordt berekend als recurrente EBITDA minus
Investeringsuitgaven (gedefinieerd als aankopen van materiële vaste activa en
immateriële activa), minus de wijzigingen in werkkapitaal en minus betaalde
winstbelastingen.
Werkkapitaal De componenten van ons werkkapitaal zijn voorraden plus
handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen plus
handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden.

MATERIALITEITS- BEOORDELING

ONTEX BASEERT ZIJN PRIORITEITEN VOOR DUURZAAMHEID OP EEN 'MATERIALITEITSANALYSE'. AAN DE HAND VAN DEZE ANALYSE WORDEN DE MEEST BELANGRIJKE ECONOMISCHE, ECOLOGISCHE EN SOCIALE KWESTIES VASTGESTELD DIE EEN INGRIJPENDE IMPACT OP DE PRESTATIES VAN ONTEX KUNNEN HEBBEN EN/OF DE BESLISSINGEN VAN STAKEHOLDERS AANZIENLIJK KUNNEN BEÏNVLOEDEN. DE ANALYSE WORDT ELKE TWEE JAAR UITGEVOERD EN OP PUNT GESTELD.

In december 2018 werd een nieuwe materialiteitsbeoordeling uitgevoerd. 191 stakeholders namen deel aan de materialiteitsbeoordeling. Onderstaand schema legt uit hoe het materialiteitsproces verloopt.

MATERIALITEITSPROCES

GRI INDEX & NIET-FINANCIËLE INFORMATIE

GRI STANDARD Disclosure NFD Page number(s) and/or URL(s)
GRI 101: Foundation 2016
General Disclosures
Organizational profile
102-1 Name of the organization x Cover
102-2 Activities, brands, products, and services x p. 6
102-3 Location of headquarters x p. 54
102-4 Location of operations x p. 1
102-5 Ownership and legal form p. 56
102-6 Markets served x p. 7
102-7 Scale of the organization p. 1
102-8 Information on employees and other workers p. 22
102-9 Supply chain p. 14
102-10 Significant changes to the organization and
its supply chain
p. 54
102-11 Precautionary Principle or approach x p. 33
102-12 External initiatives p. 54-55
102-13 Membership of associations p. 34
Strategy
102-14 Statement from senior decision-maker p. 2-5
102-15 Key impacts, risks and opportunities p. 76-79
Ethics and integrity
102-16 Values, principles, standards, and norms of
behavior
p. 22
Our values
http://www.ontexglobal.com/our
values
102-17 Mechanisms for advice and concerns about
ethics
p. 22
GRI 102: General Governance
Disclosures 2016 102-18 Governance structure p. 33, 59-67
Stakeholder engagement
102-40 List of stakeholder groups p. 15
102-41 Collective bargaining agreements No data available
102-42 Identifying and selecting stakeholders p. 15
102-43 Approach to stakeholder engagement p. 15
102-44 Key topics and concerns raised p. 15
Reporting practice
102-45 Entities included in the consolidated
financial statements
p. 116-118
102-46 Defining report content and topic
Boundaries
p. 54
102-47 List of material topics p. 13
102-48 Restatements of information -
102-49 Changes in reporting p. 54
102-50 Reporting period p. 54
102-51 Date of most recent report p. 54
102-52 Reporting cycle p. 54
102-53 Contact point for questions regarding the
report
Back cover
102-54 Claims of reporting in accordance with the
GRI Standards
p. 54
102-55 GRI content index p. 149-152
102-56 External assurance Not applicable
GRI STANDARD Disclosure NFD Page number(s) and/or URL(s)
MATERIAL TOPICS
GRI 200 Economic standard series
Direct economic impacts
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
p. 52-53
GRI 201: Economic
performance
201-1 - Direct economic value generated and
distributed
p. 87-92
201-2 - Financial implications and other risks and
opportunities due to climate change
p. 79
Anti-corruption
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 22
GRI 205: Anti
corruption 2016
205-2 Communication and training about anti
corruption policies and procedures
p. 22
Anti-competitive Behavior
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 22
GRI 206: Anti
competitive Behavior
2016
206-1 Legal actions for anti-competitive behavior,
anti-trust, and monopoly practices
p. 22
GRI 300 Environmental Standards Series
Materials
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 36
301-1 Materials used by weight or volume p. 36
GRI 301: Materials 2016 301-2 Recycled input materials used p. 36
301-3 Reclaimed products and their packaging
materials
p. 36
Energy
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 34
302-1 Energy consumption within the organization p. 35
302-2 Energy consumption outside of the
organization
p. 35
GRI 302: Energy 2016 302-3 Energy intensity p. 35
302-4 Reduction of energy consumption p. 35
302-5 Reductions in energy requirements of
products and services
p. 35
Emissions
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 32
305-1 Direct (Scope 1) GHG emissions p. 35
305-2 Energy indirect (Scope 2) GHG emissions p. 35
305-3 Other indirect (Scope 3) GHG emissions p. 35
GRI 305: Emissions 305-4 GHG emissions intensity
305-5 Reduction of GHG emissions
p. 35
p. 32, 35
2016 305-6 Emissions of ozone-depleting substances
(ODS)
No data available
305-7 Nitrogen oxides (NOX), sulfur oxides (SOX),
and other significant air emissions
No data available
GRI STANDARD Disclosure NFD Page number(s) and/or URL(s)
Waste
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
p. 37
GRI 306: Waste 2016 306-1 Water discharge by quality and destination
306-2 Waste by type and disposal method
306-3 Significant spills
306-4 Tranport of hazardous waste
306-5 Water bodies affected by water discharges
No data available
p. 37
No data available
No data available
No data available
and/or runoff
GRI 400 Social Standards Series
Occupational Health and Safety
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 21
403-1 Workers representation in formal joint
management-worker health and safety committees
No figures available
GRI 403: Occupational
Health and Safety 2016
403-2 Types of injury and rates of injury,
occupational diseases, lost days, and absenteeism,
and number of work-related fatalities
p. 21
403-3 Workers with high incidence of high risk of
diseases related to their occupation
No figures available
403-4 Health and safety topics covered in formal
agreements with trade unions
No information available
Training and Education
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
p. 23
404-1 Average hours of training per year per
employee
No data available
GRI 404: Training and
Education 2016
404-2 Programs for upgrading employee skills and
transition assistance programs
p. 23
404-3 Percentage of employees receiving regular
performance and career development reviews
No data available
Diversity and Equal Opportunity
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 19
GRI 405: Diversity and
Equal Opportunity 2016
405-1 Diversity of governance bodies and
employees
p. 61
Human rights
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 21
GRI 407: Freedom of
association &
collective bargaining
407-1 Operations and suppliers in which the right to
freedom of association and collective bargaining
may be at risk
p. 22-23
GRI 408: Child labour 408-1 Operations and suppliers at significant risk
for incidents of child labour
p. 22-23
GRI 409: Forced or
compulsory labour
409-1: Operations and suppliers at significant risk
for indicidents of forced or compulsory labor
p. 22-23
GRI 411: Rights of
Indigenous people
411-1: Incidents of violations involving rights of
indigenous people
No figures available
GRI STANDARD Disclosure NFD Page number(s) and/or URL(s)
GRI 412: Human Rights
Assessment
412-1: Operations that have been subject to human
rights reviews or impact assessments
p. 23
412-2: Employee training on human rights policies
or procedures
No figures available
412-3: Significant investment agreements and
contracts that include human rights clauses or that
underwent human rights screening
No figures available
Local Communities
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
p. 23
GRI 413: Local 413-1 Operations with local community
engagement, impact assessments, and
development programs
p. 23
Communities 2016 413-2 Operations with significant actual and
potential negative impact on local communities
No figures available
Supplier Social Assessment
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
x p. 22
GRI 414: Supplier
Social Assessment
2016
414-1 New suppliers that were screened using
social criteria
p. 21
414-2 Negative social impacts in the supply chain
and actions taken
No figures available
Customer Health and Safety
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
p.35
GRI 416: Customer
Health and Safety 2016
416-1 Assessment of the health and safety impacts
of product and service categories
p.35
416-2 Incidents of non-compliance concerning the
health and safety impacts of products and services
No figures available
Marketing and Labeling
GRI 103: Management
Approach 2016
103-1 - 3 Explanation of the material topic and its
Boundary, management approach, its components
and evaluation
p. 35
GRI 417: Marketing and
Labeling 2016
417-1 Requirements for product and service
information and labeling
p. 35
417-2 Incidents of non-compliance concerning
product and service information and labeling
No figures available
417-3 Incidents of non-compliane concerning
marketing communications
No figures available

Designed by Chriscom www.chriscom.eu Voor inlichtingen en aanvullende informatie, gelieve contact op te nemen met:

ONTEX Korte Keppestraat 21 B-9320 Aalst Erembodegem België Tel.: +32 53 333 600

www.ontexglobal.com

GEÏNTEGREERD JAARVERSLAG 2018