AI assistant
UCB — Interim / Quarterly Report 2016
Jul 28, 2016
4017_ir_2016-07-28_4ee95eac-9eb2-4eb7-af6d-74e4180b7b37.pdf
Interim / Quarterly Report
Open in viewerOpens in your device viewer
Halfjaarlijks financieel verslag 2016 28 juli 2016
UCB blijft leveren op zijn groeistrategie
Netto-omzet splitsing
* Proof of Concept
Inhoudsopgave
1. Overzicht van de bedrijfsprestaties1 5 1.1. Belangrijkste hoogtepunten ............................... 5 1.2. Belangrijkste gebeurtenissen in 2016................ 6 1.3. Netto-omzet per product.................................... 8 1.4. Netto-omzet per geografisch gebied ............... 10 1.5. Royalty-inkomsten en -vergoedingen .............. 12 1.6. Overige opbrengsten ....................................... 12 1.7. Brutowinst ........................................................ 13 1.8. Recurrente EBIT en recurrente EBITDA ......... 14 1.9. Nettowinst ........................................................ 15 1.10. Kern-WPA........................................................ 16 1.11. Balans .............................................................. 17 1.12. Kasstroomoverzicht ......................................... 17 1.13. Vooruitzichten voor 2016................................. 18
2. Verkorte geconsolideerde winsten verliesrekening 19
| 2.1. | Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening 19 |
|---|---|
| 2.2. | Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 20 |
| 2.3. | Verkorte geconsolideerde balans 21 |
| 2.4. | Verkort geconsolideerd kasstroomoverzicht 22 |
| 2.5. | Verkort geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen 23 |
| 3. | 24 Toelichtingen |
| 3.1. | Algemene informatie 24 |
| 3.2. | Grondslag voor de opstelling 24 |
| 3.3. | Grondslagen voor financiële verslaggeving 24 |
| 3.4. | Schattingen 25 |
| 3.5. | Financieel risicobeheer 26 |
3.7. Seizoensgebonden activiteiten........................ 30
| 5. | 45 Verantwoordingsverklaring |
|---|---|
| 4. | 44 Verslag van de commissaris |
| 3.30. Gebeurtenissen na de tussentijdse balansdatum 43 |
|
| 3.29. Verbintenissen en voorwaardelijke gebeurtenissen42 |
|
| 3.28. Dividenden 42 | |
| 3.27. Aandeelhouders en aandeelhoudersstructuur.41 | |
| 3.26. Transacties met verbonden partijen40 | |
| 3.25. Toelichting bij het geconsolideerde kasstroomoverzicht 38 |
|
| 3.24. Voorzieningen 38 | |
| 3.23. Overige financiële verplichtingen 37 | |
| 3.22. Obligaties 36 | |
| 3.21. Leningen35 | |
| 3.20. Kapitaal en reserves 34 | |
| 3.19. Waardevermindering op voorraden34 | |
| 3.18. Financiële en overige activa33 | |
| 3.17. Materiële vaste activa 33 | |
| 3.16. Goodwill33 | |
| 3.15. Immateriële activa 33 | |
| 3.14. Winstbelastingen (-) / tegoeden 32 | |
| 3.13. Financiële opbrengsten en financiële kosten32 | |
| 3.12. Overige baten en lasten 32 | |
| financiële activa31 3.11. Reorganisatiekosten 32 |
|
| 3.10. Bijzondere waardevermindering van niet | |
| 3.9. | Overige bedrijfsbaten / -lasten (-)31 |
| 3.8. | Activa van een groep activa die wordt afgestoten, geclassificeerd als aangehouden voor verkoop 30 |
6. Verklarende woordenlijst 46
1. Overzicht van de bedrijfsprestaties1
1.1. Belangrijkste hoogtepunten
- De opbrengsten stegen in de eerste zes maanden van 2016 met 5% tot € 2 019 miljoen, of 5% aan constante wisselkoersen (CW). De netto-omzet bedroeg € 1 876 miljoen, een verhoging van 10% (+9% CW), als gevolg van de prestaties van de kernproducten Cimzia® , Vimpat® en Neupro® . Royalty-inkomsten en -vergoedingen daalden tot € 51 miljoen (-40%; -38% CW) voornamelijk door het verstrijken van patenten en afstotingen. Overige opbrengsten bereikten € 92 miljoen (-28%; -27% CW) voornamelijk door minder mijlpaalbetalingen.
- Recurrente EBITDA steeg tot € 549 miljoen, een verhoging van 18% (+11% CW), gedreven door de sterke groei van de netto-omzet en een minder dan proportionele groei van de operationele lasten.
- Nettowinst steeg van € 289 miljoen naar € 316 miljoen (+9%; 0% CW).
- De kernwinst per aandeel (WPA) bedroeg € 1,72 tegen € 1,18 in de eerste helft van 2015.
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni1 | Actueel | Verschil | ||
|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2016 | 2015 | Actuele wisselkoersen |
CW |
| Opbrengsten | 2 019 | 1 917 | 5% | 5% |
| Netto-omzet | 1 876 | 1 704 | 10% | 9% |
| Royalty-inkomsten en -vergoedingen | 51 | 85 | -40% | -38% |
| Overige opbrengsten | 92 | 128 | -28% | -27% |
| Brutowinst | 1 447 | 1 369 | 6% | 4% |
| Marketing- en verkoopkosten | -451 | -433 | 4% | 6% |
| Onderzoeks- en ontwikkelingskosten | -458 | -472 | -3% | -2% |
| Algemene en administratiekosten | -87 | -99 | -12% | -11% |
| Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) | -19 | -31 | -39% | -39% |
| Recurrente EBIT (REBIT) | 432 | 335 | 29% | 18% |
| Niet-recurrente baten/lasten (-) | 50 | 80 | -37% | -39% |
| EBIT (operationele winst) | 482 | 415 | 16% | 7% |
| Netto financiële kosten | -65 | -47 | 40% | 40% |
| Aandeel in de winst van geassocieerde deelnemingen |
0 | 1 | -89% | -89% |
| Winst voor belastingen | 417 | 369 | 13% | 3% |
| Winstbelastingen (-)/tegoeden | -91 | -108 | -16% | -23% |
| Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 325 | 261 | 25% | 14% |
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -9 | 28 | n.v.t. | n.v.t. |
| Nettowinst | 316 | 289 | 9% | 0% |
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB | 300 | 267 | 12% | 2% |
| Toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 16 | 22 | -27% | -27% |
| Recurrente EBITDA | 549 | 464 | 18% | 11% |
| Kapitaalinvesteringen (inclusief immateriële activa) | 71 | 97 | -27% | n.v.t. |
| Netto financiële schuld2 | 1 346 | 921 | 46% | n.v.t. |
| Kasstroom uit operationele activiteiten3 | 258 | 145 | >100% | n.v.t. |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen (niet verwaterd) |
188 | 192 | -2% | n.v.t. |
| Winst per aandeel (€ per gewogen gemiddeld aantal aandelen – niet verwaterd) |
1.59 | 1.39 | 15% | 4% |
| Kern-winst per aandeel (€ per gewogen gemiddeld aantal aandelen – niet verwaterd) |
1.72 | 1.18 | 46% | 34% |
1 Ten gevolge van afrondingen is het mogelijk dat het totaal van bepaalde financiële cijfers in de tabellen in dit overzicht van de bedrijfsprestaties niet gelijk is aan de weergegeven som.
2 Voor de netto financiële schuld is de vergelijkende periode de balans per 31 december 2015.
3 Ontvangen rente werd gepresenteerd als onderdeel van de netto kasstromen uit operationele activiteiten (zie Kasstroomoverzicht).
De financiële informatie in dit managementverslag moet worden gelezen in samenhang met de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie en de geconsolideerde jaarrekening op 31 december 2015. Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie werd onderworpen aan een beperkt nazicht, niet geauditeerd.
Wijziging van de groep: Als gevolg van de afstoting van de resterende niet-farmaceutische activiteiten, zoals Films (in september 2004), Surface Specialities (in februari 2005) en Kremers Urban Pharmaceuticals Inc. (in november 2015), rapporteert UCB de resultaten van deze activiteiten als deel van de winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten. Kremers Urban wordt vanaf 1 januari 2013 als beëindigde bedrijfsactiviteit beschouwd.
Recurrente en niet-recurrente posten: Eenmalige transacties en beslissingen die de resultaten van UCB beïnvloeden, worden afzonderlijk weergegeven ("nietrecurrente" posten).
Naast de EBIT (winst vóór rente en belastingen of operationele winst),wordt ook "recurrente EBIT" (REBIT of recurrente operationele winst) opgenomen, die de lopende rentabiliteit van de biofarmaceutische activiteiten van de onderneming weerspiegelt. De recurrente EBIT is gelijk aan de 'operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van activa, reorganisatiekosten en overige baten en -lasten' die in de geconsolideerde jaarrekening gerapporteerd wordt.
Kern-WPA is de kern-nettowinst, of de winst die kan worden toegekend aan UCB aandeelhouders, aangepast voor de impact na belasting van nietrecurrente posten, financiële eenmalige posten, éénmalige winstbelastingen, niet-recurrente winstbelastingen, de bijdrage na belasting van beëindigde bedrijfsactiviteiten, en de netto afschrijvingen van immateriële activa verbonden aan verkopen, per niet-verwaterd gewogen gemiddeld aantal aandelen.
1.2. Belangrijkste gebeurtenissen in 2016
Er hebben zich een aantal belangrijke gebeurtenissen voorgedaan die UCB financieel hebben beïnvloed of zullen beïnvloeden:
Belangrijke overeenkomsten / initiatieven
• Tijdens de eerste zes maanden van 2016 heeft UCB haar nitraatactiviteiten afgestoten aan geselecteerde partijen:
Januari 2016 - UCB stootte drie cardiovasculaire producten af van zijn gevestigde merken portfolio naar Merus Labs International Inc. (Canada). De transactie betreft de nitraatproducten verkocht in Europa en geselecteerde markten en bedroeg € 92 miljoen. In mei 2016 verkocht UCB zijn nitraatfranchise (Elantan® en Isoket® ) aan het Chinese bedrijf Jilin Yinglian Biopharmaceutical en zijn financiële partner PAG Asia. De transactie bedroeg € 60 miljoen.
En in juli 2016 stootte UCB haar overige nitraatactiviteiten in Rusland en Oekraïne af.
• Februari 2016 - UCB sloot een overeenkomst met Avara Pharmaceuticals Services om de productie site van UCB in Shannon, Ierland af te stoten.
- Maart 2016 UCB oefende haar optie uit om de € 300 miljoen eeuwigdurende achtergestelde obligaties af te lossen. De eeuwigdurende achtergestelde obligaties werden uitgegeven in 2011 aan 99,499% en boden investeerders een jaarlijkse coupon van 7,75% gedurende de eerste vijf jaar.
- Juni 2016 Vervroegde terugbetaling van de US\$ 200 miljoen ongedekte obligaties in eerste rang die door Lannett aan UCB uitgegeven werden.
- Juli 2016 UCB geeft UCB6352 in licentie aan Syndax Pharmaceuticals om het antilichaam te ontwikkelen. Het begin van klinische proeven in oncologie worden verwacht in 2016.
Update over de reglementering en vooruitgang van de pijplijn
Neurologie
- Briviact® (brivaracetam) als aanvullende therapie bij de behandeling van partieel beginnende aanvallen bij patiënten met epilepsie van 16 jaar en ouder werd goedgekeurd in de EU in januari en in de VS in februari 2016. Het kreeg een geneesmiddelenclassificatie van de Amerikaanse Drug Enforcement Administration (DEA) in mei 2016. Briviact® is nu verkrijgbaar voor patiënten met epilepsie in de EU en Noord-Amerika.
- De fase 3-studie voor Vimpat® (lacosamide) als monotherapie bij de behandeling van partieel beginnende aanvallen bij volwassen
Immunologie
- In maart 2016 meldde UCB toplineresultaten van EXXELERATE, het eerste vergelijkende superioriteitsonderzoek naar twee behandelingen in de anti-TNF-groep, waarbij Cimzia® (certolizumab pegol) plus methotrexate (MTX) en Humira® (adalimumab) plus MTX bij volwassen patiënten met matig ernstige tot ernstige reumatoïde artritis die niet goed reageren op MTX. De primaire eindpunten voor superioriteit werden niet bereikt, aangezien de resultaten van Cimzia® en Humira® in getallen uitgedrukt vergelijkbaar waren. Dit onderzoek was opgezet als behandelmethode in overeenstemming met kernprincipes van de 'treat-to-target' richtlijnen, die pleiten voor het vroegtijdig evalueren van de respons en het bewerkstelligen van een wijziging in de behandeling van patiënten die na drie maanden geen respons vertonen.
- In juni 2016 begon het fase 2b programma voor dapirolizumab pegol, een anti-CD40L gepegyleerde Fab ontwikkeld voor systemische lupus erythematosus samen met Biogen. Deze studie met verschillende doses streeft ernaar om ongeveer 160 patiënten in te schrijven voor 12 maanden. De eerste resultaten worden verwacht in de tweede helft van 2018.
epilepsiepatiënten werd ingediend bij de Europese autoriteiten in januari 2016. In juli 2016 keurde de Japanse regelgevende autoriteiten Vimpat® goed als aanvullende therapie bij de behandeling van partieel beginnende aanvallen bij volwassen patiënten met epilepsie goed.
• In februari 2016 keurde de Japanse regelgevende autoriteiten E Keppra® (levetiracetam) goed als aanvullende therapie voor primaire gegeneraliseerde tonisch-clonische aanvallen (PGTCA).
Alle overige klinische ontwikkelingsprogramma's verlopen zoals gepland.
- In juni 2016, presenteerde UCB gunstige resultaten van een fase 1b studie bij patiënten met psoriatische artritis (PsA) tijdens het Annual European Congress of Rheumatology (EULAR) voor bimekizumab, een experimenteel gehumaniseerd IgG1-monoklonaal antilichaam dat speciaal ontwikkeld is om op krachtige en selectieve wijze de biologische functie te remmen van zowel IL-17A als IL-17F, twee belangrijke proinflammatoire cytokines. IL-17A en IL17F spelen een rol bij chronische ontstekingsprocessen die de oorzaak vormen voor de pathofysiologie van een groot aantal ernstige ziekten, zoals huid- en gewrichtsaandoeningen. Fase 2b studies voor bimekizumab zullen dit jaar starten.
- UCB7665 startte een fase 2a- "proof-of-concept (POC)" onderzoek bij patiënten met immuuntrombocytopenie (ITP) in maart 2016. De eerste toplineresultaten worden verwacht in het derde kwartaal van 2017.
- In mei 2016 startte seletalisib een fase 1b studie in geactiveerde PI3 kinase delta syndroom (APDS), een zeldzaam voorkomende oorzaak van immunodeficiëntie. De fase 2a studie in patiënten die lijden aan het syndroom van Sjögren (pSS) startte in november 2015 en loopt momenteel. Eerste resultaten worden verwacht in de eerste helft van 2017.
• In juni 2016 werd een fase 1a studie succesvol afgerond met UCB4144/VR942, een immunogemoduleerd geïnhaleerd biologisch product voor patiënten met ongecontroleerde astma, in ontwikkeling in partnerschap met Vectura. Het gegenereerde data pakket
Bot
• In februari 2016 maakten UCB en Amgen positieve toplineresultaten bekend van de fase 3 studie die romosozumab evalueert bij postmenopauzale vrouwen met osteoporose, (FRAME), waarbij de co-primaire eindpunten, een vermindering van nieuwe wervelbreuken na 12 en 24 maanden, werden gehaald.
UCB en Amgen kondigden in maart ook positieve toplineresultaten aan van een fase 3 studie die romosozumab evalueert in osteoporose bij mannen (BRIDGE). Deze studie heeft de primaire
1.3. Netto-omzet per product
De totale netto-omzet bedraagt € 1 876 miljoen, 10% meer dan vorig jaar of +9% meer bij constante wisselkoersen (CW). Deze verhoging is het gevolg van de sterke groei (+19%; +17% CW) van de kernproducten Cimzia® , Vimpat® en Neupro® , die een gecombineerde netto-omzet halen van € 1 miljoen, of 60% van de totale netto-omzet van UCB.
ondersteunt de verdere ontwikkeling van UCB4144/VR942 en de progressie van fase 2 voorbereidende activiteiten.
Alle overige klinische ontwikkelingsprogramma's verlopen zoals gepland.
eindpunten gehaald om de minerale dichtheid van het bot van de lumbale wervelkolom op 12 maanden te verhogen.
In juli dienden UCB en Amgen de biologische licentie aanvraag (BLA) in voor romosozumab in bij de Amerikaanse FDA gebaseerd op de FRAME studie bij postmenopauzale vrouwen met osteoperose.
Alle overige klinische ontwikkelingsprogramma's verlopen zoals gepland.
Met Keppra® en de recent gelanceerde epilepsiemedicijn Briviact® haalden alle kernproducten samen een gecombineerde netto-omzet van € 1 485 miljoen, of 79% van de totale netto-omzet van UCB.
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | Actuele wisselkoersen |
CW1 | |||
| Kernproducten | 1 485 | 1 327 | 12% | 13% | ||
| Immunologie / Cimzia® | 602 | 490 | 23% | 24% | ||
| Neurologie | ||||||
| Vimpat® | 379 | 323 | 18% | 18% | ||
| Keppra® (inclusief Keppra® XR) | 354 | 385 | -8% | -7% | ||
| Briviact® | 7 | n.v.t. | n.v.t. | |||
| Neupro® | 143 | 129 | 11% | 12% | ||
| Gevestigde merken | 392 | 423 | -7% | -4% | ||
| Zyrtec® (inclusief Zyrtec-D® /Cirrus®) |
80 | 92 | -13% | -11% | ||
| Xyzal® | 57 | 60 | -5% | 0% | ||
| venlafaxine ER | 56 | 34 | 62% | 62% | ||
| Nootropil® | 22 | 27 | -19% | -11% | ||
| Overige producten | 177 | 210 | -16% | -12% | ||
| Netto-omzet vóór aangeduide afdekkingen | 1 877 | 1 749 | 7% | 9% | ||
| Aangeduide afdekkingen geherclassificeerd naar netto-omzet |
-1 | -46 | ||||
| Totale netto-omzet | 1 876 | 1 704 | 10% | 9% |
1 CW: Constante wisselkoersen
Kernproducten
• Immunologie / Cimzia® (certolizumab pegol), voor mensen die met inflammatoire TNF gemedieerde ziekten leven steeg de netto-omzet tot € 602 miljoen, +23% (+24% CW), gedreven door een duurzame groei in alle markten waar Cimzia® verkrijgbaar is voor patiënten.
Neurologie:
- Vimpat® (lacosamide) met een netto-omzet van € 379 miljoen, +18% (+18% CW) bereikt meer en meer mensen die met epilepsie leven, gedragen door een duurzame groei in alle markten waar Vimpat® verkrijgbaar is voor patiënten.
- De netto-omzet voor Keppra® (levetiracetam), voor epilepsie bedroeg € 354 miljoen, -8% (-7% CW). Vooral omdat voorraad effecten in 2015 en in de VS niet meer voor kwamen in de eerste zes maanden van 2016.
- De epilepsie franchise van UCB wordt versterkt door de eerste lanceringen van Briviact® (brivaracetam) in de EU sinds januari en in Noord-Amerika sinds juni 2016, en rapporteert een nettoomzet van € 7 miljoen in de eerste zes maanden van 2016.
- Neupro® (rotigotine) voor de behandeling van de ziekte van Parkinson (PD) en het rustelozebenensyndroom (RLS), bedroeg een netto-omzet van € 143 miljoen, +11% (+12% CW). Voornamelijk door de duurzame groei in de EU en de sterke groei in Japan en de internationale markten.
Gevestigde merken
- Zyrtec® (cetirizine, inclusief Zyrtec® -D/Cirrus® ) en Xyzal® (levocetirizine), beide tegen allergieën, hadden een netto-omzet van € 80 miljoen (-13%; - 11% CW) en € 57 miljoen (-5%; 0% CW) respectievelijk, door de generische concurrentie.
- Venlafaxine ER (venlafaxinehydrochloride met langzame vrijgave) voor de behandeling van depressie en angststoornissen, behaalde een netto-omzet van € 56 miljoen (+62%, +62% CW) na € 34 miljoen, door een hogere vraag in de markt.
- Nootropil® (piracetam), voor cognitieve stoornissen, boekte een netto-omzet van € 22 miljoen, een vermindering van 19% (-11% CW) door de verplichte prijsverminderingen en desinvesteringen.
- Andere producten: Netto-omzet voor de andere gevestigde merken verminderde tot € 177 miljoen (-16%; -12% CW) door de verplichte prijsverminderingen, de generische concurrentie en desinvesteringen. Aangepast voor de desinvesteringen - vooral de gevestigde merken zou deze daling maar 4% zijn.
- Aangeduide afdekkingen geherclassificeerd voor verkoop en niet toegewezen waren € 1 miljoen negatief, en geven UCB's transactionele indekkingsactiviteiten weer die erkend moeten worden in de netto-omzet in overeenstemming met IFRS. Deze houden vooral verband met de Amerikaanse dollar, de Japanse yen, het Britse pond en de Zwitserse frank.
1.4. Netto-omzet per geografisch gebied
| € miljoen | Actueel juni | Verschil - actuele | Verschil - constante wisselkoersen wisselkoersen (CW) |
|||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | € miljoen | % | € miljoen | % | |
| Netto-omzet VS | 864 | 775 | 90 | 12% | 90 | 12% |
| Cimzia® | 371 | 321 | 51 | 16% | 51 | 16% |
| Vimpat® | 288 | 244 | 44 | 18% | 44 | 18% |
| Neupro® | 38 | 36 | 2 | 5% | 2 | 5% |
| Keppra® (inclusief Keppra® XR) | 99 | 124 | -26 | -21% | -25 | -20% |
| Briviact® | 4 | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | |
| venlafaxine ER | 56 | 34 | 21 | 62% | 21 | 62% |
| Overige producten | 9 | 15 | -6 | -41% | -6 | -41% |
| Netto-omzet Europa | 624 | 603 | 21 | 3% | 28 | 5% |
| Cimzia® | 169 | 137 | 32 | 23% | 35 | 25% |
| Vimpat® | 74 | 64 | 10 | 15% | 10 | 16% |
| Neupro® | 79 | 73 | 6 | 8% | 6 | 9% |
| Keppra® | 122 | 127 | -4 | -3% | -3 | -3% |
| Briviact® | 3 | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | |
| Zyrtec® (inclusief Cirrus® ) |
37 | 41 | -4 | -9% | -3 | -7% |
| Overige producten | 139 | 160 | -22 | -13% | -20 | -13% |
| Netto-omzet Japan | 132 | 124 | 8 | 7% | 2 | 2% |
| Cimzia® | 19 | 4 | 16 | > 100% | 14 | > 100% |
| Neupro® | 19 | 15 | 5 | 31% | 5 | 31% |
| E Keppra® | 48 | 51 | -3 | -5% | -6 | -12% |
| Zyrtec® (inclusief Cirrus® ) |
23 | 31 | -8 | -26% | -10 | -31% |
| Xyzal® | 22 | 23 | -2 | -7% | -1 | -3% |
| Netto-omzet internationale markten | 257 | 248 | 9 | 4% | 33 | 13% |
| Cimzia® | 42 | 29 | 13 | 44% | 16 | 55% |
| Vimpat® | 18 | 14 | 3 | 23% | 5 | 33% |
| Neupro® | 7 | 5 | 2 | 47% | 3 | 59% |
| Keppra® | 85 | 83 | 2 | 2% | 9 | 11% |
| Overige producten | 106 | 117 | -11 | -10% | -4 | -3% |
| Subtotaal | 1 877 | 1 749 | 128 | 7% | 154 | 9% |
| Aangeduide afdekkingen geherclassificeerd naar netto-omzet |
-1 | -46 | ||||
| Totale netto-omzet | 1 876 | 1 704 | 172 | 10% | 154 | 9% |
- VS netto-omzet bereikte € 864 miljoen, +12% of +12% CW, voornamelijk gedreven door de duurzame groei (+16%; +14% CW) van de gecombineerde netto-omzet van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® (€ 697 miljoen, of 81% van UCB's netto-omzet in de VS). De franchise voor Keppra® haalde een omzet van € 99 miljoen, een daling met 21% (20% CW) doordat de voorraad effecten die plaatsvonden in 2015 zoals verwacht zich niet herhaalden in 2016. Venlafaxine ER rapporteerde een netto-omzet van € 56 miljoen, tegenover € 34 miljoen, profiterend van een hogere vraag op de markt. De netto-omzet van de andere producten haalde € 9 miljoen tegenover € 15 miljoen, voornamelijk als gevolg van de concurrentie van generische producten.
- De Europese netto omzet bedroeg € 624 miljoen, een verhoging van 3% (+5% CW), gedreven door de verdere groei van de gecombineerde nettoomzet van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® van € 322 miljoen (+17%) – wat 52% van UCB's nettoomzet in Europa vertegenwoordigt. De netto-omzet van Keppra® bereikte € 122 miljoen, (-3%) door verplichte prijsverminderingen. De allergie franchise Zyrtec® haalde een omzet van € 37 miljoen (-9%). De overige producten droegen € 139 miljoen (-13%) bij.
- De Japanse netto-omzet bereikte € 132 miljoen, een verhoging van 7% (+2% CW). De netto-omzet van Cimzia® bedroeg € 19 miljoen, na € 4 miljoen in de eerste helft van 2015, wat de duurzame groei in de interne markt weergeeft (partner: Astellas). Neupro® groeide 31% tot € 19 miljoen terwijl E Keppra® sterke interne groei toonde en € 48 miljoen bereikte als gevolg van verschillende verzendingspatronen. UCB's partner voor beide is Otsuka. De allergie franchise bleef verminderen als gevolg van het verlies van exclusiviteit: Zyrtec® verloor 26% en bereikte € 23 miljoen terwijl Xyzal® een vermindering van 7% optekende tot € 22 miljoen.
- De netto-omzet van de Internationale markten bedroeg € 257 miljoen, +4% (+13% CW) gedreven door de sterke groei van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® alsook Keppra® .
- Aangeduide afdekkingen geherclassificeerd voor verkoop en niet toegewezen waren € 1 miljoen negatief, en geven UCB's transactionele indekkingsactiviteiten weer die erkend moeten worden in de netto-omzet in overeenstemming met IFRS.
Europa: Albanië, België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk (inclusief Franse gebieden), Griekenland, Hongarije, Ierland, Ijsland, Italië, Letland, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovakije, Slovenië, Spanje, Tsjechische Republiek, Vaticaanstad, VK, Zweden en Zwitserland.
1.5. Royalty-inkomsten en -vergoedingen
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | Actuele wisselkoersen |
CW | |
| Biotechnologische IP | 26 | 39 | -32% | -28% |
| Zyrtec® VS | 15 | 16 | 0% | 0% |
| Toviaz® | 6 | 15 | -57% | -57% |
| Overige | 3 | 16 | -82% | -82% |
| Royalty-inkomsten en -vergoedingen | 51 | 85 | -40% | -38% |
In de eerste zes maanden van 2016 verminderden de royalty-inkomsten en –vergoedingen van € 85 miljoen tot €51 miljoen (-40%; -38 CW).
In overeenkomst met de biotechnologische IP uitgaven, daalden de biotechnologische inkomsten ook door het verstrijken van patenten.
De verzamelde royalties voor Zyrtec® in de VS bleven stabiel.
De franchiseroyalties betaald door Pfizer voor Toviaz® (fesoterodine), de behandeling voor een overactieve blaas, werden aangepast om de kwartaaltoewijzing weer te geven.
Andere royalty-inkomsten en –vergoedingen waren lager als gevolg van de desinvestering van in licentie gegeven producten in 2015.
1.6. Overige opbrengsten
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | Actuele wisselkoersen |
CW | |
| Opbrengsten uit contractproductie | 49 | 19 | > 100% | > 100% |
| Product winstdeling | 12 | 13 | -9% | -9% |
| Samenwerkingen in Japan | 10 | 54 | -81% | -81% |
| Samenwerkingen in China | 10 | 21 | -49% | -48% |
| Overige | 10 | 21 | -51% | -50% |
| Overige opbrengsten | 92 | 128 | -28% | -27% |
De overige inkomsten bereikten € 92 miljoen (-28%) van € 128 miljoen.
De opbrengsten uit de contractproductie
bedroegen € 49 miljoen, meer dan het dubbele, omdat het nu ook de contractproductie voor Merus Labs International Inc. en Jilin Yinglian Biopharmaceutical bevat als gevolg van de afstoting van de activiteiten van de nitraat gevestigde merken aan deze bedrijven. (zie pagina 5 van dit rapport).
De winstdelingsovereenkomsten voor Provas® en Xyzal® leverden een opbrengst van € 12 miljoen op, 9% lager dan vorig jaar, gedreven door de levenscyclus van deze producten.
Onze samenwerkingsactiviteiten in Japan omvatten de samenwerking met Otsuka gefocused voor E Keppra® en Neupro® , met Astellas voor Cimzia® en met Daiichi Sankyo voor Vimpat® en leverden een opbrengst van € 10 miljoen, tegen € 54 miljoen. 2015 werd positief beïnvloed door de mijlpaalbetaling voor de indiening van Vimpat® in Japan.
Onze samenwerkingen in China omvatten de marktrechten voor UCB's allergie franchise en de omzet bereikte € 10 miljoen (-49%), voornamelijk als gevolg van betalingen in verband met de overdracht van de marketing rechten in 2015.
De "overige" opbrengsten bedroegen € 10 miljoen (-51%) en omvatten mijlpaalbetalingen en andere betalingen van onze R&D-partners.
1.7. Brutowinst
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | Actuele wisselkoersen |
CW | |
| Opbrengsten | 2 019 | 1 917 | 5% | 5% |
| Netto-omzet | 1 876 | 1 704 | 10% | 9% |
| Royalty-inkomsten en -vergoedingen | 51 | 85 | -40% | -38% |
| Overige opbrengsten | 92 | 128 | -28% | -27% |
| Kostprijs van de omzet | -572 | -548 | 4% | 5% |
| Kostprijs van omzet voor producten en diensten | -403 | -379 | 6% | 7% |
| Royaltylasten | -107 | -101 | 6% | 8% |
| Aan omzet gekoppelde afschrijvingen van immateriële activa |
-62 | -68 | -8% | -8% |
| Brutowinst | 1 447 | 1 369 | 6% | 4% |
In de eerste zes maanden van 2016, bereikte de brutowinst € 1 447 miljoen, een verhoging van 6%, als gevolg van de netto-omzetgroei en een verbeterde productmix - de kernproducten Cimzia® , Vimpat® en Neupro® vertegenwoordigen nu 60% van de totale netto-omzet van UCB, in vergelijking met 55% per juni 2015. De bruto winstmarge steeg tot 72%, in vergelijking met 71% in de eerste helft van 2015.
De kostprijs van de omzet bestaat uit drie componenten: de kostprijs van de omzet voor producten en diensten, de royaltylasten en de afschrijvingen van de aan de omzet gekoppelde immateriële activa:
De kostprijs van omzet voor producten en diensten steeg tot € 403 miljoen, een verhoging met 6%.
Royalty uitgaven stegen tot € 107 miljoen van € 101 miljoen te wijten aan de groei van de op de markt gebrachte kernproducten, voornamelijk Cimzia® en Vimpat® . De biotechnologische IP royalty uitgaven worden beïnvloed door de verstrijkende patenten per eind december 2015.
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | Actuele wissel koersen |
CW | ||
| Biotechnologische IP |
1 | -12 | n.v.t. | n.v.t. | |
| Overige | -108 | -88 | 22% | 24% | |
| Royaltylasten | -107 | -101 | 6% | 8% |
Afschrijving van de aan omzet gekoppelde immateriële activa: onder IFRS 3
(Bedrijfscombinaties) heeft UCB een aanzienlijk bedrag aan immateriële activa op haar balans gebracht, die verband houden met de overnames van Celltech en Schwarz Pharma (lopend onderzoek en ontwikkeling, productiekennis, royaltystromen, handelsbenamingen enz.). De afschrijvingen van immateriële activa voor de reeds op de markt gebrachte producten, bedroegen € 62 miljoen tegenover € 68 miljoen in juni 2015 en werd gedreven door de afstotingen van de gevestigde merken portefeuille.
1.8. Recurrente EBIT en recurrente EBITDA
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | Actuele wisselkoersen |
CW | |
| Opbrengsten | 2 019 | 1 917 | 5% | 5% |
| Netto-omzet | 1 876 | 1 704 | 10% | 9% |
| Royalty-inkomsten en -vergoedingen | 51 | 85 | -40% | -38% |
| Overige opbrengsten | 92 | 128 | -28% | -27% |
| Brutowinst | 1 447 | 1 369 | 6% | 4% |
| Marketing- en verkoopkosten | -451 | -433 | 4% | 6% |
| Onderzoeks- en ontwikkelingskosten | -458 | -472 | -3% | -2% |
| Algemene en administratiekosten | -87 | -99 | -12% | -11% |
| Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) | -19 | -31 | -39% | -39% |
| Totale operationele lasten | -1 015 | -1 034 | -2% | 0% |
| Recurrente EBIT (REBIT) | 432 | 335 | 29% | 18% |
| Afschrijving van immateriële activa | -82 | -85 | -4% | -4% |
| Afschrijvingen | -36 | -43 | -17% | -15% |
| Recurrente EBITDA (REBITDA) | 549 | 464 | 18% | 11% |
De bedrijfskosten, die de marketing- en verkoopkosten, de kosten voor onderzoek en ontwikkeling, de algemene en administratiekosten en andere bedrijfsopbrengsten/-lasten omvatten, bedroegen € 1 015 miljoen, 2% minder dan vorig jaar, en weerspiegelen:
- 4% meer marketing- en verkoopkosten, die bedroegen € 451 miljoen. Terwijl de verdere groei van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® synergie en efficiëntie toeliet, heeft UCB Briviact® in de EU en de VS sinds januari en juni 2016, respectievelijk, gelanceerd.
- 3% minder onderzoeks- en ontwikkelingskosten, die € 458 miljoen bedroegen. De vooruitgang in de late fase klinische ontwikkelingspijplijn en op het punt staan om fase 2b klinische ontwikkelingsprogramma's voor bimekizumab en dapirolizumab pegol (tweede helft 2016) te starten leidde tot lagere R&D-uitgaven in de eerste zes maanden van 2016.
- 12% lager algemene en administratieve kosten van € 87 miljoen, dankzij strakke kostenbeheersing en voortdurende verbeteringen;
- 39% lagere overige operationele lasten van € 19 miljoen waarin ontvangen subsidies zijn inbegrepen, maar geen waardevermindering op handelsvorderingen in verband met de Griekse crisis in 2015.
De recurrente EBIT steeg van € 335 miljoen in de eerste zes maanden van 2015 naar € 432 miljoen:
- de totale afschrijving van immateriële activa (product gerelateerde en andere) bedroeg € 82 miljoen;
- de afschrijvingslasten daalden met 17% tot € 36 miljoen.
Zoals bepaald in de overeenkomst tussen UCB en Lonza voor de productie door Lonza van gepegyleerde actieve bulkproducten op basis van antilichaamfragmenten, heeft UCB deelgenomen in de voorfinanciering van de betreffende kapitaaluitgaven. De afschrijvingskosten op deze investering voor een bedrag van € 5 miljoen voor de eerste zes maanden van 2016 (in vergelijking met € 5 miljoen voor de eerste zes maanden van 2015) zijn opgenomen in de kostprijs van de omzet en werden weer toegevoegd met het oog op de berekening van de recurrente EBITDA.
De recurrente EBITDA bereikte € 549 miljoen na € 464 miljoen, een verhoging van 18%, en wordt aangedreven door een hogere brutowinst en de daling van de bedrijfskosten in het eerste halfjaar van 2016.
1.9. Nettowinst
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | Actuele wisselkoersen |
CW | |
| Recurrente EBIT | 432 | 335 | 29% | 18% |
| Kosten van bijzondere waardeverminderingen | -11 | -1 | > 100% | > 100% |
| Reorganisatiekosten | -9 | -10 | -3% | 0% |
| Nettowinst op afstotingen | 77 | 107 | -28% | -28% |
| Overige niet-recurrente baten/lasten (-) | -7 | -16 | -62% | -62% |
| Totale niet-recurrente baten / lasten (-) | 50 | 80 | -37% | -39% |
| EBIT (operationele winst) | 482 | 415 | 16% | 7% |
| Netto financiële kosten | -65 | -47 | 40% | 40% |
| Resultaat van geassocieerde deelnemingen | 0 | 1 | -89% | -89% |
| Winst voor belastingen | 417 | 369 | 13% | 3% |
| Winstbelastingen (-) / tegoeden | -91 | -108 | 16% | 23% |
| Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 325 | 261 | 25% | 14% |
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -9 | 28 | n.v.t. | n.v.t. |
| Nettowinst | 316 | 289 | 9% | 0% |
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB | 300 | 267 | 12% | 2% |
| Toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 16 | 22 | -27% | -27% |
| Nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB |
300 | 267 | 12% | 2% |
| Kern-nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB |
325 | 226 | 43% | 32% |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen (miljoen) | 188 | 192 | -2% | n.v.t. |
| Kern-WPA toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB |
1,72 | 1,18 | 46% | 34% |
De totale niet-recurrente baten/lasten bedroegen € 50 miljoen baten vóór belastingen, tegenover € 80 miljoen baten vóór belastingen in 2015. De belangrijkste aandrijver van deze inkomsten (€ 75 miljoen) is de boekwinst op de afstoting van UCB's nitraat gevestigde merken in China, Europa en andere geselecteerde markten (zie de afdeling Belangrijke gebeurtenissen in 2016), gecompenseerd
met de bijzondere waardevermindering van de oncologie moleculen en herstructureringskosten. De 30 juni 2015 éénmalige posten omvatten de winst uit de verkoop van gevestigde merken van UCB in India; herstructureringskosten en andere kosten die verband houden met geschillen.
De netto financiële lasten stegen tot € 65 miljoen ten opzichte van € 47 miljoen, als gevolg van de waardevermindering (€ 28 miljoen) van de Lannett warranten ontvangen uit hoofde van de verkoop van Kremers Urban in 2015.
De winstbelastingen bedroegen € 91 miljoen, tegenover € 108 miljoen in 2015. Het gemiddelde belastingtarief op recurrente activiteiten bedraagt 25%, tegenover 32,7% in dezelfde periode vorig jaar. Het effectieve belastingvoet voor de periode tot juni 2016 was lager dan de huidige periode als gevolg van de negatieve impact van een fiscale controle vorig jaar die het tarief in juni 2015 deed stijgen.
Winst/verlies uit niet-voortgezette activiteiten, die de afstoting en activiteiten van Kremers Urban weerspiegelen, bedroegen een verlies van € 9 miljoen tegenover een winst van € 28 miljoen in 2015. In november 2015, de verkoop van Kremers Urban, de dochteronderneming van UCB gespecialiseerd in generische geneesmiddelen in de VS, aan Lannett werd met succes afgesloten.
De nettowinst van de Groep bedroeg € 316 miljoen, tegenover € 289 miljoen, waarvan € 300 miljoen kan worden toegerekend aan de aandeelhouders van UCB en € 16 miljoen aan minderheidsbelangen. Voor de eerste zes maanden van 2015 haalde UCB een winst van € 289 miljoen, waarvan winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten opgenomen werd, en waarvan € 267 miljoen toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB en € 22 miljoen aan minderheidsbelangen was.
De kern nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB van € 325 miljoen (+43%), wat leidt tot een kern winst per aandeel (WPA) van € 1,72 per aandeel, ten opzichte van € 1,18 in 2015, op een niet-verwaterd gewogen gemiddeld aantal aandelen van respectievelijk 188 miljoen en 192 miljoen.
1.10. Kern-WPA
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | Actuele wisselkoersen |
CW | |
| Nettowinst | 316 | 289 | 9% | 0% |
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB | 300 | 267 | 12% | 2% |
| Toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 16 | 22 | -27% | -27% |
| Nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB |
300 | 267 | 12% | 2% |
| Totale niet-recurrente baten (-) / lasten | -50 | -80 | 37% | 39% |
| Winstbelasting op niet-recurrente lasten (-) / baten | -9 | 13 | n.v.t. | n.v.t. |
| Financiële éénmalige baten (-) / lasten | 28 | 2 | >100% | >100% |
| Winstbelasting op financiële éénmalige baten / lasten (-) |
0 | 0 | n.v.t. | n.v.t. |
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 9 | -28 | n.v.t. | n.v.t. |
| Afschrijvingen van immateriële activa gerelateerd aan omzet |
62 | 68 | -8% | -8% |
| Winstbelasting op afschrijvingen van immateriële activa gerelateerd aan omzet |
-16 | -16 | 0% | 0% |
| Kern-nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB |
325 | 226 | 43% | 32% |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen (miljoen) | 188 | 192 | -2% | n.v.t. |
| Kern-WPA toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB |
1,72 | 1,18 | 46% | 34% |
De nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB, gecorrigeerd voor het effect na belastingen van niet-recurrente elementen, financiële eenmalige posten, de bijdragen na belastingen uit beëindigde bedrijfsactiviteiten en de netto afschrijving van immateriële activa die verband houden met verkoop, geeft aanleiding tot een kern nettowinst toerekenbaar
aan de aandeelhouders van UCB van 325 miljoen (+43%), wat leidt tot een kern winst per aandeel (WPA) van € 1,72 per aandeel, ten opzichte van € 1,18 in 2015, op een niet-verwaterd gewogen gemiddeld aantal aandelen van respectievelijk 188 miljoen en 192 miljoen.
1.11. Balans
De immateriële activa daalden met € 140 miljoen van € 1 055 miljoen per 31 december 2015 tot € 915 miljoen op 30 juni 2016. Dit omvat de lopende afschrijvingen op immateriële activa (€ 78 miljoen), de afstoting van immateriële activa uit de nitratenactiviteiten, deels gecompenseerd door toevoegingen in het kader van licentieafspraken, software en geactiveerde in aanmerking komende software-ontwikkelingskosten.
De goodwill daalde van € 5 164 miljoen per 31 december 2015 naar € 5 061 miljoen als gevolg van de zwakkere Amerikaanse dollar en Britse pond in vergelijking met december 2015.
Overige vaste activa daalden met € 137 miljoen, vooral gedreven door een toename van de uitgestelde belastingvorderingen als gevolg van de toeneming in materiële vaste activa, ruim gecompenseerd door de terugbetaling van de US\$ 200 miljoen Lannett obligaties.
De daling van de vlottende activa van € 2 838 miljoen per 31 december 2015 tot € 2 455 miljoen per 30 juni 2016 is het gevolg van hogere werkkapitaal, gecompenseerd door een daling van kasstroom in verband met de terugbetaling van de eeuwigdurende achtergestelde obligaties en de betaling van belastingen naar aanleiding van de verkoop van Kremers Urban in 2015.
1.12. Kasstroomoverzicht
De evolutie van door de biofarmaceutische activiteiten gegenereerde kasstromen wordt beïnvloed door de volgende elementen:
- De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten bedroeg € -28 miljoen, waarvan € 258 miljoen uit voortgezette bedrijfsactiviteiten, in vergelijking met € 145 miljoen in 2015. De onderliggende netto rentabiliteit is gecompenseerd door een verhoogd werkkapitaal.
- De kasstroom uit investeringsactiviteiten toonde een instroom van € 260 miljoen in 2016, waarvan € 83 miljoen uit voortgezette bedrijfsactiviteiten, in vergelijking met € 23 miljoen in 2015. De afstoting van cardiovasculaire producten van de gevestigde
Het eigen vermogen van UCB bedraagt
€ 5 067 miljoen, een daling van € 479 miljoen tussen 31 december 2015 en 30 juni 2016. De voornaamste wijzigingen komen voort uit de nettowinst na minderheidsbelangen (€ 300 miljoen), beïnvloed door de negatieve omrekeningsverschillen (€ 143 miljoen), gecompenseerd door de dividenduitkering (€ 212 miljoen), personeelsbeloningen (€ 111 miljoen) en de terugbetaling van het hybride kapitaal (€ 295 miljoen).
De langlopende schulden bedragen € 2 420 miljoen, een verhoging van € 71 miljoen als gevolg van de personeelsbeloningen.
De kortlopende verplichtingen bedragen € 2 706 miljoen, een daling van € 355 miljoen, als gevolg van de terugbetaling van de korte termijn leningen, de verlaging van de te betalen belastingen betreffende de afstoting van Kremers Urban in 2015.
De nettoschuld steeg met € 425 miljoen, van € 921 miljoen eind december 2015 tot € 1 346 miljoen eind juni 2016, en heeft voornamelijk betrekking op de betaling van dividenden op het resultaat van 2015, de terugbetaling van de eeuwigdurende achtergestelde obligaties, de betaling van de belastingen naar aanleiding van de verkoop van Kremers Urban in 2015, de verwerving van eigen aandelen gecompenseerd door de onderliggende netto rentabiliteit.
merken portfolio genereerde € 152 miljoen en Lannett betaalde de US\$ 200 miljoen uitstaande ongedekte lening van hogere rangorde terug, gecompenseerd door de investering in materiële en immateriële activa.
• De kasstroom uit financieringsactiviteiten toonde een uitstroom van € 698 miljoen, wat de uitkering van het dividend aan de aandeelhouders van UCB en de houders van de eeuwigdurende achtergestelde obligaties, de verwerving van eigen aandelen en de terugbetaling van de leningen op korte termijn omvat.
1.13. Vooruitzichten voor 2016
Voor 2016 verwacht UCB dat de voortdurende groei van haar producten de onderneming verder zal doen groeien. UCB zal ook vooruitgang boeken in haar ontwikkelingspijplijn om potentiële nieuwe oplossingen aan patiënten te kunnen aanbieden.
We verwachten een stijging van de opbrengsten in 2016 tot ongeveer € 4,0-4,1 miljard. De recurrente EBITDA zal naar verwachting stijgen tot ongeveer € 970-1 010 miljoen. Bijgevolg wordt verwacht dat de kern-winst per aandeel (kern-WPA) zal uitkomen tussen € 2,90 en € 3,20, op basis van een gemiddeld aantal uitstaande aandelen van 188 miljoen.
De cijfers voor de vooruitzichten voor 2016 zoals hierboven vermeld, werden op dezelfde basis berekend als de werkelijke cijfers voor de eerste zes maanden van 2016 en voor 2015, zoals eerder vermeld in dit overzicht van de bedrijfsprestaties, in de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie zoals opgenomen op de volgende pagina's en in de geconsolideerde jaarrekening per 31 december 2015.
2. Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening
2.1. Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
Toelichting | 2016 Beperkt nazicht |
2015 Beperkt nazicht |
|---|---|---|---|
| Voortgezette bedrijfsactiviteiten | |||
| Netto-omzet | 3.6 | 1 876 | 1 704 |
| Royalty-inkomsten en -vergoedingen | 51 | 85 | |
| Overige opbrengsten | 92 | 128 | |
| Opbrengsten | 2 019 | 1 917 | |
| Kostprijs van de omzet | -572 | -548 | |
| Brutowinst | 1 447 | 1 369 | |
| Marketing- en verkoopkosten | -451 | -433 | |
| Onderzoeks- en ontwikkelingskosten | -458 | -472 | |
| Algemene en administratiekosten | -87 | -99 | |
| Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) | 3.9 | -19 | -31 |
| Operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van activa, reorganisatiekosten en overige baten en –lasten |
432 | 335 | |
| Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa | 3.10 | -11 | -1 |
| Reorganisatiekosten | 3.11 | -9 | -10 |
| Overige baten/lasten (-) | 3.12 | 70 | 91 |
| Operationele winst | 482 | 415 | |
| Financiële opbrengsten | 3.13 | 29 | 32 |
| Financiële kosten | 3.13 | -94 | -79 |
| Netto financiële kosten | -65 | -47 | |
| Aandeel in de winst van geassocieerde deelnemingen verwerkt volgens de 'equity'-methode |
0 | 1 | |
| Winst/verlies (-) vóór belastingen | 417 | 369 | |
| Winstbelastingen (-) / tegoeden | 3.14 | -91 | -108 |
| Winst/verlies (-) uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 325 | 261 | |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | |||
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 3.8 | -9 | 28 |
| Winst van de periode | 316 | 289 | |
| Toerekenbaar aan de aandeelhouders van UCB N.V. | 300 | 267 | |
| Toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 16 | 22 | |
| Gewone winst per aandeel (€)1 | |||
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 1,64 | 1,24 | |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -0,05 | 0,15 | |
| Totale gewone winst per aandeel | 1,59 | 1,39 | |
| Verwaterde winst per aandeel (€)2 | |||
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 1,64 | 1,24 | |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -0,05 | 0,15 | |
| Totale verwaterde winst per aandeel | 1,59 | 1,39 | |
1 Het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen tijdens de tussentijdse periode bedraagt voor de berekening van de gewone winst per aandeel 188 253 608 (2015: 192 108 790).
2 Het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen tijdens de tussentijdse periode bedraagt voor de berekening van de verwaterde winst per aandeel 188 253 608 (2015: 192 108 790).
2.2. Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2016 Beperkt nazicht |
2015 Beperkt nazicht |
|---|---|---|
| Winst van de periode | 316 | 289 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | ||
| Posten die overgeboekt kunnen worden naar de winst of het verlies in latere perioden: |
||
| - Nettowinst / -verlies (-) op de voor verkoop beschikbare financiële activa |
-9 | 2 |
| Wisselkoersverschillen op omzetting van buitenlandse activiteiten |
-141 | 284 |
| - Effectief gedeelte van winst / verlies (-) op kasstroomafdekkingen Winstbelasting met betrekking tot de componenten van niet gerealiseerde resultaten die overgeboekt kunnen worden naar de winst of het verlies in latere perioden |
-11 | -10 |
| Posten die nooit worden overgeboekt naar de winst of het verlies in latere perioden: |
||
| - Herwaardering van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten |
-117 | 18 |
| Winstbelasting met betrekking tot de componenten van niet gerealiseerde resultaten die nooit worden overgeboekt naar de winst of het verlies in latere perioden |
6 | -4 |
| Niet-gerealiseerde resultaten voor de periode na belastingen | -272 | 289 |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode, na belastingen |
||
| Toerekenbaar aan de aandeelhouders van UCB N.V. | 26 | 592 |
| Toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 18 | -13 |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode, na belastingen |
44 | 578 |
2.3. Verkorte geconsolideerde balans
| Activa Vaste activa Immateriële activa 3.15 915 1 055 3.16 Goodwill 5 061 5 164 Materiële vaste activa 3.17 681 651 Uitgestelde belastingvorderingen 875 843 Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële 3.18 206 405 instrumenten) Totaal vaste activa 7 738 8 118 Vlottende activa Voorraden 3.19 589 566 Handelsvorderingen en overige vorderingen 936 836 Te ontvangen belastingen 6 19 Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële 104 54 instrumenten) Geldmiddelen en kasequivalenten 813 1 285 Activa van een groep activa die wordt afgestoten, geclassificeerd 7 78 als aangehouden voor verkoop Totaal vlottende activa 2 455 2 838 Totaal activa 10 193 10 956 Eigen vermogen en verplichtingen Eigen vermogen Geplaatst kapitaal en reserves toerekenbaar aan aandeelhouders 3.20 5 672 5 175 van UCB Minderheidsbelangen 3.27 -108 -126 Totaal eigen vermogen 5 067 5 546 Langlopende verplichtingen Leningen 3.21 346 349 Obligaties 3.22 1 254 1 236 Andere financiële verplichtingen (inclusief afgeleide financiële 3.23 115 117 instrumenten) Uitgestelde belastingverplichtingen 7 48 Personeelsbeloningen 539 417 Voorzieningen 3.24 67 76 Handels- en overige verplichtingen 93 106 Totaal langlopende verplichtingen 2 420 2 349 Kortlopende verplichtingen Leningen 3.21 57 117 Obligaties 3.22 504 506 Andere financiële verplichtingen (inclusief afgeleide financiële 3.23 147 131 instrumenten) Voorzieningen 3.24 67 66 Handels- en overige verplichtingen 1 614 1 688 Te betalen belastingen 317 553 Verplichtingen van een groep activa die wordt afgestoten, 0 0 geclassificeerd als aangehouden voor verkoop Totaal kortlopende verplichtingen 2 706 3 061 Totaal verplichtingen 5 126 5 410 |
€ miljoen | Toelichting | 30 juni 2016 Beperkt nazicht |
31 dec 2015 Gecontroleerd |
|---|---|---|---|---|
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 10 193 | 10 956 |
2.4. Verkort geconsolideerd kasstroomoverzicht
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
Toelichting | 2016 Beperkt nazicht |
2015 Beperkt nazicht |
|---|---|---|---|
| Winst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB | 300 | 267 | |
| Minderheidsbelangen | 16 | 22 | |
| Aanpassing voor winst(-)/verlies uit geassocieerde deelnemingen | 0 | -1 | |
| Aanpassing voor niet-geldelijke transacties | 3.25 | 160 | 28 |
| Aanpassing voor posten afzonderlijk te vermelden onder kasstromen uit | 3.25 | ||
| operationele activiteiten | 91 | 123 | |
| Aanpassing voor posten te vermelden onder kasstromen uit investerings | 3.25 | -51 | -65 |
| en financieringsactiviteiten | |||
| Wijzigingen in het werkkapitaal | 3.25 | -205 | -46 |
| Ontvangen rente* | 25 | 16 | |
| Kasstromen uit operationele activiteiten | 336 | 345 | |
| Betaalde belastingen gedurende de periode | -364 | -193 | |
| Netto kasstromen gebruikt voor (-) / uit operationele activiteiten: | -28 | 152 | |
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 258 | 145 | |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -286 | 7 | |
| Netto kasstromen uit operationele activiteiten | -28 | 152 | |
| Verwerving van immateriële activa | -15 | -65 | |
| Verwerving van materiële vaste activa | -55 | -32 | |
| Verwerving van dochterondernemingen, na aftrek van verworven | |||
| geldmiddelen | 0 | -3 | |
| Verwerving van overige investeringen | -2 | -3 | |
| Subtotaal verwervingen | -72 | -103 | |
| Ontvangsten uit verkoop van immateriële vaste activa | 1 | 0 | |
| Ontvangsten uit verkoop van materiële vaste activa | 0 | 1 | |
| Ontvangsten uit verkoop van bedrijfsactiviteiten, na aftrek van | |||
| overgedragen geldmiddelen | 329 | 110 | |
| Ontvangsten uit de verkoop van andere investeringen | 2 | 8 | |
| Ontvangen dividenden | 0 | 0 | |
| Subtotaal ontvangsten uit verkopen | 333 | 119 | |
| Netto kasstromen gebruikt voor (-) / uit investeringsactiviteiten: | 260 | 16 | |
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 83 | 23 | |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 177 | -7 | |
| Netto kasstromen uit investeringsactiviteiten | 260 | 16 | |
| Ontvangsten uit kapitaalsuitgifte | -300 | 0 | |
| Ontvangsten uit uitgifte van obligaties | 0 | 350 | |
| Terugbetaling van obligaties (-) | |||
| Ontvangsten uit leningen | 15 | 155 | |
| Terugbetaling van leningen (-) | -94 | -302 | |
| Terugbetaling van financiële leaseverplichtingen | -1 | -1 | |
| Inkoop (-)/vervreemding van eigen aandelen | -49 | -101 | |
| Uitgekeerde dividenden aan aandeelhouders van UCB, na aftrek van | -230 | -225 | |
| dividenden betaald op eigen aandelen | |||
| Betaalde rente | -39 | -45 | |
| Netto kasstromen uit financieringsactiviteiten | -698 | -169 | |
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | -698 | -169 | |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 0 | 0 | |
| Netto kasstromen uit financieringsactiviteiten | -698 | -169 | |
| Netto toename / afname (-) van geldmiddelen en kasequivalenten | -466 | -1 | |
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | -357 | -1 | |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -109 | 0 | |
| Netto geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van de periode | 1 277 | 507 | |
| Effect van wisselkoersschommelingen | -24 | 4 | |
| Netto geldmiddelen en kasequivalenten aan het einde van de periode | 787 | 509 |
* Ontvangen rente werd gepresenteerd als onderdeel van de netto kasstromen uit operationele activiteiten in plaats van netto kasstromen gebruikt voor financieringsactiviteiten. De vergelijkende cijfers voor 2015 werden geherclassificeerd.
2.5. Verkort geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB NV | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| € miljoen | Aandelenkapitaal en uitgiftepremies |
Hybride kapitaal | Eigen aandelen | Overgedragen resultaat |
Overige reserves | omrekenings Cumulatieve verschillen1 |
financiële activa Voor verkoop beschikbare |
afdekkingen Kasstroom |
Totaal | Minderheids belangen |
Totaal eigen vermogen |
| Balans per 1 januari 2016 |
2 614 | 295 | -295 | 2 915 | -66 | 182 | 43 | -16 | 5 672 | -126 | 5 546 |
| Winst van de periode | 300 | 300 | 16 | 316 | |||||||
| Niet-gerealiseerde resultaten |
-111 | -143 | -9 | -11 | -274 | 2 | -272 | ||||
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten |
300 | -111 | -143 | -9 | -11 | 26 | 18 | 44 | |||
| Kapitaalverhoging | |||||||||||
| Dividenden | -207 | -207 | -207 | ||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen |
10 | 10 | 10 | ||||||||
| Overboeking tussen reserves |
16 | -16 | 0 | 0 | |||||||
| Eigen aandelen | -26 | -26 | -26 | ||||||||
| Kapitaalvermindering | -295 | -295 | -295 | ||||||||
| Dividend aan aandeelhouders van eeuwigdurende achtergestelde obligaties |
-5 | -5 | -5 | ||||||||
| Balans per 30 juni 2016 (beperkt nazicht) |
2 614 | 0 | -305 | 2 997 | -177 | 39 | 34 | -27 | 5 175 | -108 | 5 067 |
| Balans per 1 januari 2015 |
2 614 | 295 | -173 | 2 515 | -96 | -138 | 13 | -28 | 5 002 | -160 | 4 842 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Winst van de periode | 267 | 267 | 22 | 289 | |||||||
| Niet-gerealiseerde resultaten |
14 | 297 | 2 | -10 | 302 | -13 | 289 | ||||
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten |
267 | 14 | 159 | 2 | -10 | 570 | 8 | 578 | |||
| Kapitaalverhoging | |||||||||||
| Dividenden | -202 | -202 | -202 | ||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen |
25 | 25 | 25 | ||||||||
| Overboeking tussen reserves |
-4 | 4 | 0 | 0 | |||||||
| Eigen aandelen | -103 | -103 | -103 | ||||||||
| Dividend aan aandeelhouders van eeuwigdurende achtergestelde obligaties |
-12 | -12 | -12 | ||||||||
| Verworven minderheidsbelangen |
|||||||||||
| Balans per 30 juni 2015 (beperkt nazicht) |
2 614 | 295 | -281 | 2 598 | -82 | 159 | 14 | -38 | 5 280 | -152 | 5 128 |
1 De afdekking van netto-investeringen werd opgenomen onder de "Cumulatieve omrekeningsverschillen". Vergelijkende cijfers voor 2015 werden geherclassificeerd.
3. Toelichtingen
3.1. Algemene informatie
UCB NV (UCB of "de Vennootschap") en haar dochterondernemingen (samen "de Groep") vormen een wereldwijde biofarmaceutische onderneming die zich toespitst op ernstige ziekten in twee therapeutische gebieden, neurologie en immunologie.
Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie van de Vennootschap voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2016 (hierna 'de tussentijdse periode') omvat de Vennootschap en haar dochterondernemingen. Binnen de Groep hebben UCB Pharma NV en UCB S.R.O, beiden 100 % dochterondernemingen, bijkantoren, respectievelijk in het VK en Slovakije, die geïntegreerd zijn in hun rekeningen.
UCB NV, de moedermaatschappij, is een naamloze vennootschap die in België opgericht en gevestigd is. De hoofdzetel is gevestigd aan de Researchdreef 60 te B-1070 Brussel, België. UCB NV is genoteerd op de beurs Euronext Brussels.
Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie werd op 27 juli 2016 goedgekeurd voor publicatie door de Raad van Bestuur. Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie werd onderworpen aan een beperkt nazicht en is niet geauditeerd.
De geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor het jaar dat eindigde op 31 december 2015 is verkrijgbaar op de UCB website.
3.2. Grondslag voor de opstelling
Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met International Accounting Standard (IAS) 34 ('Tussentijdse financiële verslaggeving'), zoals goedgekeurd door de Europese Unie.
Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie bevat niet alle informatie die verplicht gerapporteerd moet worden in de volledige geconsolideerde jaarrekening en moet samen met de
geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2015 worden gelezen, die is opgesteld in overeenstemming met IFRS. Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is uitgedrukt in euro (€) en alle waarden zijn afgerond tot het dichtstbijzijnde miljoen, tenzij anders vermeld.
3.3. Grondslagen voor financiële verslaggeving
De grondslagen voor financiële verslaggeving die toegepast werden voor het opmaken van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie zijn volledig in overeenstemming met deze die gebruikt werden bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor het jaar afgesloten op 31 december 2015.
Wijzigingen aan standaarden die door de Groep werden toegepast
Een aantal wijzigingen en jaarlijkse verbeteringen aan bestaande standaarden zijn voor het eerst verplicht van toepassing voor de huidige rapporteringsperiode. De Groep diende echter haar grondslagen voor financiële verslaggeving niet aan te passen en diende ook geen retroactieve aanpassingen te doen ten gevolge van de toepassing van deze wijzigingen en verbeteringen aan de standaarden.
Impact van standaarden die reeds gepubliceerd werden maar die nog niet worden toegepast door de Groep
IFRS 15, Opbrengsten uit contracten aangegaan met klanten
De IASB heeft een nieuwe standaard gepubliceerd voor de erkenning van opbrengsten. Deze nieuwe standaard zal IAS 18 vervangen, die opbrengsten resulterend uit de verkoop van goederen en het verstrekken van diensten behandelt. De nieuwe standaard is gebaseerd op het principe dat opbrengsten erkend worden wanneer de zeggenschap over een goed of dienst overgedragen wordt aan een klant. De standaard laat ofwel een volledig retroactieve ofwel een aangepast retroactieve aanpak toe voor de eerste toepassing. De nieuwe standaard is van toepassing voor de eerste tussentijdse periode binnen de jaarlijkse rapporteringsperiode die start op of na 1 januari 2018, en laat een vervroegde toepassing toe. Het management onderzoekt momenteel de effecten van het toepassen van de nieuwe standaard op de jaarrekening van de Groep en is begonnen met het identificeren en samenvatten van de bepalingen van alle verkoops-, distributie-, samenwerkings- en uitgaande licentie-overeenkomsten teneinde de impact van deze nieuwe standaard te kunnen inschatten. De opbrengsten uit licentie-overeenkomsten zullen wellicht beïnvloed worden door de nieuwe standaard. De impact op de netto-omzet en overige opbrengsten wordt nog onderzocht. Op dit ogenblik is de Groep nog niet in staat om een inschatting te maken van het effect van de nieuwe regels op de jaarrekening van de
Groep. De Groep zal een meer gedetailleerde inschatting maken van het effect gedurende de volgende maanden. De Groep verwacht niet om de nieuwe standaard voor 1 januari 2018 toe te passen.
IFRS 9, Financiële instrumenten
IFRS 9, Financiële instrumenten, behandelt de classificatie, waardering en het niet langer in de balans opnemen van financiële activa en financiële verplichtingen en voert nieuwe regels in voor hedge accounting en een nieuw model voor verwachte kredietverliezen voor financiële activa. De standaard is van toepassing vanaf 1 januari 2018. De Groep onderzoekt momenteel de volledige impact van IFRS 9.
IFRS 16, Leaseovereenkomsten
IFRS 16, Leaseovereenkomsten is van toepassing vanaf 1 januari 2019 en behandelt de opname, waardering, presentatie en informatieverschaffing van leaseovereenkomsten. Volgens de nieuwe standaard moet de leasingnemer alle leaseovereenkomsten in de balans opnemen, met uitzondering van korte termijn leasecontracten (looptijd van 12 maanden of minder) en leasecontracten met een lage waarde. Lessoraccounting blijft grotendeels ongewijzigd ten opzichte van IAS 17. De Groep onderzoekt momenteel nog de volledige impact van deze norm.
Er zijn geen andere standaarden of wijzigingen aan bestaande standaarden die nog niet van kracht zijn en waarvan verwacht kan worden dat ze een materiële impact op de jaarrekening van de Groep hebben.
3.4. Schattingen
De opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie vereist dat het management een oordeel vormt, schattingen en veronderstellingen maakt die een invloed hebben op de toepassing van de grondslagen voor de verslaglegging en op de gerapporteerde bedragen van activa en verplichtingen, opbrengsten en lasten.
Bij de opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie waren de belangrijke beoordelingen die het management heeft gemaakt bij de toepassing van de door de Groep gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en de belangrijke bronnen van schattingsonzekerheden dezelfde als deze die van toepassing waren op de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 2015.
3.5. Financieel risicobeheer
Financiële risicofactoren
De Groep is blootgesteld aan verscheidene financiële risico's die voortvloeien uit haar onderliggende activiteiten en vennootschappelijke financiële activiteiten. Deze financiële risico's bestaan uit marktrisico's (waaronder valutarisico's, renterisico's en prijsrisico's), kredietrisico's en liquiditeitsrisico's. Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie bevat niet alle informatie over het financieel risicobeheer en de informatieverschaffing die vereist is in de jaarrekening en dient samen met de jaarrekening van de Groep per 31 december 2015 gelezen te worden. Er waren geen wijzigingen in het Financial Risk Management Committee (FRMC).
Liquiditeitsrisico
Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep niet in staat zal zijn om zijn financiële verplichtingen na te komen op de vervaldag. De aanpak van de Groep voor liquiditeitenbeheer bestaat erin zoveel mogelijk te zorgen dat zij altijd over voldoende liquide middelen beschikt om haar verplichtingen op de vervaldag na te komen, in normale omstandigheden, zonder onaanvaardbare verliezen te lijden en zonder risico van aantasting van de reputatie van de Groep.
In vergelijking met eind vorig jaar waren er geen wezenlijke wijzigingen in de contractuele nietverdisconteerde kasuitstromen voor financiële verplichtingen.
Financiële activa tegen reële waarde
Schatting van reële waarde
IFRS 7 vereist informatieverschaffing over de reële waarde waarderingen volgens de volgende hiërarchie:
- Niveau 1 Genoteerde (niet aangepaste) prijzen op actieve markten voor identieke activa en verplichtingen;
- Niveau 2 Andere technieken waarvan alle inputs die een aanzienlijk effect hebben op de geboekte reële waarde, waarneembaar zijn, hetzij direct, hetzij indirect;
- Niveau 3 Technieken die inputs gebruiken die een aanzienlijk effect op de geboekte reële waarde hebben die niet op observeerbare marktgegevens zijn gebaseerd.
Alle toegelichte reële waarde waarderingen zijn recurrente reële waarde waarderingen.
| € miljoen - 30 juni 2016 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | ||||
| Genoteerde aandelen | 56 | 0 | 0 | 56 |
| Genoteerde schuldinstrumenten | 3 | 0 | 0 | 3 |
| Afgeleide financiële activa | ||||
| Valutatermijncontracten – kasstroomafdekkingen | 0 | 12 | 0 | 12 |
| Termijncontracten - reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening |
0 | 58 | 0 | 58 |
| Rentederivaten – kasstroomafdekkingen | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Rentederivaten – reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening |
0 | 75 | 0 | 75 |
| Warranten | 0 | 0 | 0 | 0 |
Financiële verplichtingen tegen reële waarde
| € miljoen - 30 juni 2016 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Afgeleide financiële passiva | ||||
| Valutatermijncontracten – kasstroomafdekkingen | 0 | 37 | 0 | 37 |
| Termijncontracten - reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening |
0 | 80 | 0 | 80 |
| Rentederivaten – kasstroomafdekkingen | 0 | 4 | 0 | 4 |
| Rentederivaten – reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening Andere financiële verplichtingen (exclusief afgeleide financiële instrumenten) |
0 | 7 | 0 | 7 |
| Warranten aan de aandeelhouders van Edev Sàrl | 0 | 0 | 133 | 133 |
De onderstaande tabellen geven de financiële activa en passiva weer van de Groep, die gewaardeerd zijn tegen reële waarde op 31 december 2015 en zijn gegroepeerd in overeenstemming met de reële waarde hiërarchie.
Financiële activa tegen reële waarde
| € miljoen - 31 december 2015 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | ||||
| Genoteerde aandelen | 64 | 0 | 0 | 64 |
| Genoteerde schuldinstrumenten | 3 | 0 | 0 | 3 |
| Afgeleide financiële activa | ||||
| Valutatermijncontracten – kasstroomafdekkingen | 0 | 10 | 0 | 10 |
| Termijncontracten - reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening |
0 | 19 | 0 | 19 |
| Rentederivaten – kasstroomafdekkingen | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Rentederivaten – reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening |
0 | 55 | 0 | 55 |
| Andere financiële verplichtingen (exclusief afgeleide financiële instrumenten) |
||||
| Warranten | 0 | 29 | 0 | 29 |
Financiële verplichtingen tegen reële waarde
| € miljoen - 31 december 2015 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Afgeleide financiële passiva | ||||
| Valutatermijncontracten – kasstroomafdekkingen | 0 | 25 | 0 | 25 |
| Termijncontracten - reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening |
0 | 51 | 0 | 51 |
| Rentederivaten – kasstroomafdekkingen | 0 | 3 | 0 | 3 |
| Rentederivaten – reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening |
0 | 7 | 0 | 7 |
| Andere financiële verplichtingen (exclusief afgeleide financiële instrumenten) |
||||
| Warranten aan de aandeelhouders van Edev Sàrl | 0 | 0 | 162 | 162 |
In de tussentijdse periode vonden geen overboekingen plaats tussen niveau 1 en niveau 2 van de reële waarde waarderingen, en geen overboekingen van en naar niveau 3 van de reële waarde waarderingen.
Waarderingstechnieken voor de reëlewaardebepalingen binnen niveau 2 van de reële waarde-hiërarchie gebruiken ofwel de "verdisconteerde cash flow" of de "Black en Scholes" methode (alleen voor vreemde valuta-opties) en publiek beschikbare marktinformatie. Er is geen wijziging gebeurd in de waarderingstechnieken in vergelijking met december 2015 (zie Toelichting 4.5 van het jaarverslag voor 2015).
Ten gevolge van de dalende aandelenprijs van Lannett Company Inc., werd in 2016 een waardevermindering geboekt op de warranten ontvangen naar aanleiding van de verkoop van Kremers Urban Pharmaceuticals Inc. ("KU") teneinde de netto boekwaarde van deze warranten terug te brengen tot € 0 (zie Toelichting 3.13).
Reële-waardebepalingen met gebruik van significante inputs die niet observeerbaar zijn (Niveau 3).
De reële waarde van de door een dochteronderneming uitgegeven warranten wordt bepaald via een modelberekening van de verdisconteerde netto contante waarde van de geschatte kasuitstromen. Er is geen wijziging gebeurd in de waarderingstechnieken in vergelijking met december 2015. De waarde van de warranten is gebaseerd op de winstgevendheid van de dochteronderneming en de belangrijkste veronderstellingen in het waarderingsmodel omvatten niet observeerbare inputs voor verwachte netto-omzet, mijlpaalgebeurtenissen en disconteringsvoet. De
gebruikte disconteringsvoet is 8.2%. Een stijging/daling in netto-omzet met 10% zou leiden tot een stijging/daling van de reële waarde van de warranten met 1%. Een stijging/daling van de disconteringsvoet met 1% zou leiden tot een stijging/daling van de reële waarde van de warranten met 2%. De wijziging in reële waarde sinds december 2015, erkend in de winst- en verliesrekening, bedraagt € 6 miljoen en is opgenomen in financiële kosten/opbrengsten (zie Toelichting 3.13).
De volgende tabel laat de wijzigingen zien bij niveau 3-instrumenten.
| € miljoen | Warranten |
|---|---|
| 1 januari 2016 | 162 |
| Contante aankoop van extra warranten | 0 |
| Contante afwikkeling van warranten | -32 |
| Effect van wijzigingen in de reële waarde opgenomen in de winst- en verliesrekening | 6 |
| Effect van wisselkoerswijzigingen | -3 |
| 30 juni 2016 | 133 |
Wisselkoersen
De volgende belangrijke wisselkoersen zijn gebruikt bij de opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie:
| Equivalent van € 1 | Slotkoers | Gemiddelde koers | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 30 juni 2016 | 31 december 2015 | 30 juni 2016 | 30 juni 2015 | ||
| US\$ | 1,107 | 1,087 | 1,116 | 1,115 | |
| JPY | 114,270 | 130,610 | 124,399 | 134,094 | |
| GBP | 0,835 | 0,737 | 0,779 | 0,732 | |
| CHF | 1,082 | 1,086 | 1,096 | 1,056 |
3.6. Gesegmenteerde informatie
De Groep is actief in één bedrijfssegment, biofarmaceutica.
Er zijn geen andere belangrijke bedrijfsklassen, noch afzonderlijk, noch gezamenlijk. De belangrijkste besluitvormers van het bedrijf, zijnde het Uitvoerend Comité, beoordelen de bedrijfsresultaten en de bedrijfsplannen, en wijzen middelen toe op ondernemingsschaal, zodat UCB als één enkel segment opereert.
Hierna volgt informatie voor het geheel van de onderneming over de netto-omzet per product, de geografische markten en de opbrengsten afkomstig van de belangrijkste klanten:
Omzet per product
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| € miljoen | Beperkt nazicht | Beperkt nazicht |
| Cimzia® | 602 | 490 |
| Vimpat® | 379 | 323 |
| Keppra® (inclusief Keppra® XR) | 354 | 385 |
| Neupro® | 143 | 129 |
| Zyrtec® (inclusief Zyrtec-D® /Cirrus®) |
80 | 92 |
| Xyzal® | 57 | 60 |
| venlafaxine ER | 56 | 34 |
| Nootropil® | 22 | 27 |
| Briviact® | 7 | |
| Overige producten | 177 | 210 |
| Aangeduide afdekkingen geherclassificeerd naar netto-omzet | -1 | -46 |
| Totale netto-omzet | 1 876 | 1 704 |
Geografische informatie
De onderstaande tabel toont de netto-omzet in elke geografische markt waar zich klanten bevinden:
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2016 Beperkt nazicht |
2015 Beperkt nazicht |
|---|---|---|
| VS | 864 | 775 |
| Europa - overige (met uitzondering van België) | 161 | 167 |
| Duitsland | 139 | 117 |
| Japan | 132 | 124 |
| Spanje | 81 | 76 |
| Italië | 79 | 80 |
| Frankrijk (inclusief Franse gebieden) | 79 | 79 |
| China1 | 78 | 78 |
| VK en Ierland | 68 | 66 |
| België | 17 | 18 |
| Andere landen1 | 179 | 170 |
| Aangeduide afdekkingen geherclassificeerd naar netto-omzet | -1 | -46 |
| Totale netto-omzet | 1 876 | 1 704 |
1 De terminologie "opkomende markten" wordt niet meer gebruikt als verwijzing naar regio's. Vergelijkende cijfers voor 2015 werden geherclassificeerd.
De onderstaande tabel geeft de materiële vaste activa weer voor elke geografische markt waarin de activa zich bevinden:
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2016 Beperkt nazicht |
2015 Gecontroleerd1 |
|---|---|---|
| Zwitserland | 298 | 302 |
| België | 256 | 223 |
| VK en Ierland | 47 | 50 |
| VS | 29 | 28 |
| Duitsland | 19 | 19 |
| China2 | 14 | 15 |
| Japan | 12 | 10 |
| Brazilië2 | 2 | 1 |
| Andere landen2 | 4 | 3 |
| Totaal activa (materiële vaste activa) | 681 | 651 |
1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 december 2015.
2 De terminologie "opkomende markten" wordt niet meer gebruikt als verwijzing naar regio's. Vergelijkende cijfers voor 2015 werden geherclassificeerd.
Informatie over belangrijke klanten
UCB heeft één klant die individueel meer dan 16% van de totale netto-omzet vertegenwoordigt per einde juni 2016.
In de VS vertegenwoordigde de verkoop aan 3 groothandelaars ongeveer 84% van de omzet in de VS (juni 2015: 82%).
3.7. Seizoensgebonden activiteiten
De opbrengsten van de Groep in het biofarmaceutische segment omvatten seizoensgebonden opbrengsten afkomstig van de allergiefranchise die schommelen volgens de hevigheid van het pollenseizoen in de verschillende geografische gebieden waar de Groep actief is.
Nochtans, kan er op een geconsolideerde basis, geen systematisch of voorspelbaar seizoensgebonden karakter in de bedrijfsactiviteiten van de Groep in zijn geheel onderkend worden.
3.8. Activa van een groep activa die wordt afgestoten, geclassificeerd als aangehouden voor verkoop
Activa van de groep die wordt afgestoten en aangehouden voor verkoop per 30 juni 2016 hebben betrekking op de inventaris van de nitratenactiviteit in China, Rusland en Oekraïne, en de IP-rechten met betrekking tot de nitratenactiviteit in Rusland en Oekraïne. In mei 2016 verkocht de Groep haar productrechten voor Elantan® en Isoket® in China aan het Chinese vennootschap Jilin Yinglian Biopharmaceutical en haar financiële partner PAG Asia. De voorraad van deze producten zal overgedragen worden aan de koper op het einde van 2016 en wordt dan ook geclassificeerd als aangehouden voor verkoop eind juni 2016. Aangezien de verkoopprijs hoger zal zijn dan de boekwaarde, werd er geen bijzondere waardevermindering geboekt op deze voorraad. Op 4 juli 2016 verkocht de Groep haar nitratenactiviteit in Rusland en Oekraïne aan Alvogen (zie toelichting 3.29 Gebeurtenissen na de verslagperiode). Alle activa die verband houden met de overgedragen activiteiten, zijnde de IP-rechten en de inventaris, worden gepresenteerd als aangehouden voor verkoop per eind juni 2016. Geen bijzondere waardevermindering is geboekt vermits de verkoopprijs hoger is dan de boekwaarde van deze activa.
De activa van een groep activa die wordt afgestoten, geclassificeerd als aangehouden voor verkoop op 31 december 2015 hebben voornamelijk betrekking op de immateriële activa en voorraad met betrekking tot de nitratenactiviteit in Europa, Turkije, Zuid-Korea en Mexico (€ 71 miljoen) alsook op de vaste activa en voorraad van de productievestiging in Shannon in Ierland.
De nitratenactiviteit in Europa, Turkije, Zuid-Korea en Mexico werd in januari 2016 verkocht aan Merus Labs International Inc. Een winst van € 25 miljoen werd erkend op deze verkoop (zie Toelichting 3.12). De productievestiging in Shannon in Ierland werd verkocht aan Avara Pharmaceuticals Services in mei 2016. Geen bijkomend verlies/winst werd gerealiseerd naar aanleiding van deze verkoop.
Per 30 juni 2016 werden er geen activiteiten geclassificeerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten. Het verlies uit beëindigde bedrijfsactiviteiten per 30 juni 2016 bedraagt € 9 miljoen en heeft betrekking op bijkomende kosten met betrekking tot de verkoop van Kremers Urban Pharmaceuticals, Inc. ("KU"), voorheen de dochteronderneming van de Groep in de VS, gespecialiseerd in generische geneesmiddelen, die in november 2015 verkocht werd aan Lannett Company, Inc., als ook tot een gedeeltelijke terugname van voorzieningen in verband met de voormalige folie- en chemische activiteiten voor € 2 miljoen.
De winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten per 30 juni 2015 heeft betrekking op de activiteiten van KU voor de eerste 6 maanden van 2015 (€ 28 miljoen), evenals de gedeeltelijke terugboeking van voorzieningen in verband met de voormalige folie- en chemische activiteiten (€ 0 miljoen). Voor meer informatie inzake de verkoop van KU in 2015 verwijzen we naar het jaarverslag voor 2015 en het halfjaarlijks financieel verslag voor 2015.
3.9. Overige bedrijfsbaten / -lasten (-)
De overige bedrijfsbaten / -lasten (-) bedroegen € 19 miljoen lasten in de tussentijdse periode (2015: € 31 miljoen lasten) en bestaan voornamelijk uit de afschrijving van niet-productiegerelateerde immateriële activa, vergoeding van merkgeneesmiddelen op voorschrift in de VS en subsidies.
In 2015 hadden de lasten betrekking op de afschrijving van niet-productiegerelateerde immateriële activa, overige kosten die verband houden met de extra heffingen op de vergoeding van merkgeneesmiddelen op voorschrift in de VS en de waardevermindering op handelsvorderingen in verband met de Griekse crisis.
3.10. Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa
Op het einde van elke rapporteringsperiode beoordeelt het management of er een indicatie is dat een actief in waarde zou zijn verminderd. Indien dergelijke indicatie aanwezig is, raamt het management de realiseerbare waarde van het actief om na te gaan of er een bijzonder waardeverminderingsverlies moet worden erkend. Bijzondere waardeverminderingsverliezen die in vorige tussentijdse perioden voor bepaalde nietfinanciële activa werden erkend, worden niet teruggenomen.
In de loop van de eerste helft van 2016 heeft het management de niet-financiële activa op bijzondere waardeverminderingen beoordeeld (inclusief immateriële activa en goodwill) op basis van externe en interne indicatoren en besloot om een bijzondere waardevermindering te boeken van € 11 miljoen voor de IP rechten gerelateerd aan twee kleine moleculen aangekocht van Wilex in 2009. In 2015 werd een bijzondere waardevermindering van € 1 miljoen erkend voor immateriële vaste activa.
3.11. Reorganisatiekosten
De reorganisatiekosten voor een bedrag van € 9 miljoen (2015: € 10 miljoen) waren toe te schrijven aan afvloeiingskosten.
3.12. Overige baten en lasten
De overige baten / lasten (-) bedroegen € 70 miljoen baten in 2016 (2015: € 91 miljoen baten) en zijn voornamelijk het resultaat van € 49 miljoen winst op de verkoop van de nitratenactiviteiten in China aan Jilin Yinglian Biopharmaceutical en financiële partner PAG Asia en de € 25 miljoen winst op de verkoop van de nitratenactiviteiten in Europa, Turkije, Zuid-Korea en Mexico aan Merus Labs International Inc., vooral gecompenseerd door juridische kosten.
In de eerste helft van 2015 waren de baten het gevolg van de winst van € 105 miljoen op de verkoop van de gevestigde merken in Indië aan Dr. Reddy's (nettoactiva voor een bedrag van € 5 miljoen), vooral gecompenseerd door juridische kosten.
3.13. Financiële opbrengsten en financiële kosten
De financiële opbrengsten en kosten bedroegen € 65 miljoen kosten (2015: € 47 miljoen kosten) en bevatten reële waarde verliezen en bijzondere waardeverminderingsverliezen op de warrant ontvangen naar aanleiding van de verkoop van KU voor een bedrag van € 28 miljoen (zie Toelichting 3.5).
3.14. Winstbelastingen (-) / tegoeden
De Groep is actief in verschillende landen en is bijgevolg onderworpen aan winstbelastingen in veel verschillende fiscale jurisdicties, met name in rechtsgebieden waar de belangrijke O&O activiteiten plaatsvinden. .
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| € miljoen | Beperkt nazicht | Beperkt nazicht |
| Over de verslagperiode verschuldigde winstbelasting | -152 | -116 |
| Uitgestelde winstbelasting | 61 | 8 |
| Totale winstbelastingen (-) / tegoeden | -91 | -108 |
De geconsolideerde effectieve aanslagvoet voor de Groep met betrekking tot de voortgezette activiteiten voor de zes maanden bedraagt 21,9% (2015: 29,3%).
Het effectief belastingpercentage van de Groep exclusief éénmalige posten is 25,3% (2015: 32,7%). Het effectieve belastingvoet voor de periode tot juni 2016 was lager dan de huidige periode als gevolg van de negatieve impact van een fiscale controle vorig jaar die het percentage in juni 2015 deed stijgen.
3.15. Immateriële activa
Tijdens de periode verwierf de Groep ongeveer € 0,5 miljoen (2015: € 19 miljoen) immateriële activa als gevolg van licentieovereenkomsten. Daarnaast activeerde de Groep € 21 miljoen (2015: € 22 miljoen) voor software en software-ontwikkelingskosten die in aanmerking komen voor activering.
In de eerste helft van het jaar boekte de Groep waardeverminderingen op zijn immateriële activa voor een bedrag van € 11 miljoen (2015: € 1 miljoen). De bijzondere waardeverminderingen staan nader omschreven in Toelichting 3.10 en zijn in de winst- en verliesrekening opgenomen onder de rubriek "Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa".
De totale verkoop van immateriële vaste activa tijdens de eerste zes maanden van 2016 bedragen € 13 miljoen, waarvan € 9 miljoen betrekking heeft op de verkoop van de IP-rechten voor de nitratenactiviteiten in China. € 4 miljoen wordt overgedragen aan activa aangehouden voor verkoop en heeft betrekking op de IP-rechten voor de nitratenactiviteiten in Rusland en Oekraïne.
De afschrijvingskost voor de periode bedroeg € 78 miljoen (2015: € 90 miljoen).
Het effect van wisselkoersschommelingen bedroeg € -19 miljoen (2015: € +37 miljoen).
Er was ook een transfer vanuit immateriële vaste activa naar materiële activa voor € 38 miljoen.
3.16. Goodwill
De goodwill werd voor een bedrag van € 103 miljoen beïnvloed door wisselkoersschommelingen.
In de eerste helft van het jaar boekte de Groep geen bijzondere waardeverminderingen op de goodwill.
3.17. Materiële vaste activa
Tijdens de periode investeerde de Groep ongeveer € 32 miljoen (2015: € 32 miljoen) voor het verwerven van nieuw materiaal.
De Groep verkocht ook diverse materiële vaste activa, met een boekwaarde van ongeveer € 0 miljoen (2015: € 2 miljoen).
Na de beoordeling van eventuele aanwijzingen voor een bijzondere waardevermindering op materiële vaste activa werden bijzondere waardeverminderingen voor een bedrag van € 0 miljoen (2015: € 0 miljoen) geboekt voor de periode.
De afschrijvingskost voor de periode bedroeg € 36 miljoen (2015: € 41 miljoen).
Als gevolg van wisselkoerswijzigingen daalde de nettoboekwaarde van materiële vaste activa met € 4 miljoen (2015: € +39 miljoen).
Er was ook een transfer vanuit immateriële vaste activa naar materiële activa voor € 38 miljoen.
3.18. Financiële en overige activa
De financiële en overige vaste activa bedroegen € 206 miljoen op 30 juni 2016 (december 2015: € 405 miljoen).
De daling is voornamelijk gerelateerd aan de terugkoop in juni 2016 door Lannett Company, Inc. van de uitstaande ongedekte lening van hogere rangorde die de Groep ontvangen had naar aanleiding van de
verkoop van KU in november 2015 (€ 184 miljoen) en de reële waarde en bijzondere waardeverminderingen geboekt op de ontvangen warrant naar aanleiding van deze verkoop (€ 28 miljoen) warrant (zie Toelichting 3.5).
3.19. Waardevermindering op voorraden
De kostprijs van de omzet voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2016 bevat een bedrag van € 11 miljoen (2015: € 9 miljoen) met betrekking tot waardeverminderingen op voorraden teneinde de boekwaarde van de voorraden te verminderen tot hun netto realiseerbare waarde.
3.20. Kapitaal en reserves
Aandelenkapitaal en uitgiftepremies
Het geplaatst kapitaal van de Vennootschap bedraagt € 584 miljoen per 30 juni 2016 (2015: € 584 miljoen) en wordt vertegenwoordigd door 194 505 658 aandelen (2015: 194 505 658 aandelen). Er is geen maatschappelijk niet-geplaatst kapitaal.
Op 30 juni 2016 bedroegen de uitgiftepremies € 2 030 miljoen (2015: € 2 030 miljoen)
Hybride kapitaal
Op 18 maart 2016 oefende UCB N.V. haar recht uit om de € 300 miljoen eeuwigdurende achtergestelde obligaties af te lossen, die uitgegeven waren tegen 99,499% en die de beleggers een jaarlijkse coupon van 7,75% boden gedurende de eerste vijf jaar.
Deze obligaties waren genoteerd op de beurs van Luxemburg en werden beschouwd als een eigenvermogensinstrument onder IAS 32. Bijgevolg worden de rentekosten geboekt als dividenden aan aandeelhouders. In het overgedragen resultaat werd een bedrag van € 5 miljoen opgenomen als dividend aan aandeelhouders van de eeuwigdurende achtergestelde obligaties voor de periode van 1 januari tot 18 maart 2016. Eventuele transactiekosten werden in mindering gebracht van het hybride kapitaal, rekening houdend met belastingeffecten.
Eigen aandelen
De Groep verwierf 700 000 aandelen (juni 2015: 4 434 675 aandelen) van UCB N.V. voor een totaal bedrag van € 48 miljoen (juni 2015: € 195 miljoen) en verkocht 736 361 eigen aandelen (juni 2015: 2 096 134 eigen aandelen) voor een totaal bedrag van € 39 miljoen (juni 2015: € 94 miljoen) in de eerste helft van het jaar.
De Groep behield 6 213 861 eigen aandelen (waarvan geen gerelateerd aan aandelenruiltransacties) op 30 juni 2016 (december 2015: 6 250 222 aandelen waarvan geen gerelateerd aan aandelenruiltransacties). Deze eigen aandelen werden verworven om te kunnen voldoen aan de verplichtingen die voortvloeien uit de uitoefening van aandelenopties en de toekenning van prestatieaandelen aan de leden van het Uitvoerend Comité en aan bepaalde categorieën van werknemers.
In het lopende jaar werden geen callopties op UCBaandelen aangekocht.
Overige reserves
De overige reserves bedragen € -177 miljoen (2015: € -82 miljoen) en omvatten de volgende items:
- de IFRS-acquisitiemeerwaarde die werd gerealiseerd tijdens de Schwarz Pharmabedrijfscombinatie voor € 232 miljoen (2015: € 232 miljoen);
- de herwaardering van de bruto verplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten voor een bedrag van € -375 miljoen (2015: € -264 miljoen) wordt hoofdzakelijk beïnvloed door de wijziging in de disconteringsvoet en verandering in de aannames met betrekking tot de pensioengerechtigde leeftijd;
- de aankoop van de resterende 25% minderheidsbelangen in Schwarz Pharma Zuhai Company Ltd. voor € -11 miljoen in 2012 (2015: € -11 miljoen); en
- de aankoop van de resterende 30% minderheidsbelangen in UCB Biopharma SA (Brazilië) voor € -23 miljoen in 2014 (2015: € -23 miljoen).
Cumulatieve omrekeningsverschillen
De cumulatieve omrekeningsverschillen vertegenwoordigen de cumulatieve valutaomrekeningsverschillen die ontstaan bij de consolidatie van bedrijven van de Groep die andere functionele valuta dan de euro (€) gebruiken. De reserve omvat ook de afdekking van nettoinvesteringen in de operaties in de VS.
3.21. Leningen
Op 30 juni 2016 was de gewogen gemiddelde rentevoet van de Groep gelijk aan 3,65% (juni 2015: 3,47%) vóór afdekkingen. Betalingen van variabele rente zijn aan aangemerkte kasstroomafdekkingen onderhevig en betalingen van vaste rente zijn aan aangemerkte reële waarde-afdekkingen onderhevig, waardoor de gewogen gemiddelde rentevoet voor de Groep uitkomt op 2,96% (juni 2015: 2,99%) na afdekkingen.
Aangezien de bankleningen een variabele rentevoet dragen die om de zes maanden wordt bijgewerkt, is de boekwaarde van de bankleningen gelijk aan de reële
waarde. Wat de kortlopende leningen betreft, benaderen de boekwaarden hun reële waarden aangezien het effect van de verdiscontering als verwaarloosbaar wordt beschouwd.
Naast de uitstaande obligaties in de kapitaalmarkten en de gesyndiceerde leningsovereenkomst (niet getrokken per 30 juni 2016) beschikt UCB over bepaalde bindende en niet-bindende bilaterale financieringsovereenkomsten alsook over een Belgisch commercial paper programma.
De boekwaarden van de leningen zijn als volgt:
| € miljoen | 2016 | 2015 (gecontroleerd)1 |
|---|---|---|
| Langlopend | ||
| Bankleningen | 340 | 342 |
| Overige langetermijnleningen | 0 | 0 |
| Financiële leases | 6 | 7 |
| Totaal langlopende leningen | 346 | 349 |
| Kortlopend | ||
| Voorschotten in rekening-courant | 26 | 8 |
| Kortlopende component van bankleningen | 5 | 95 |
| Schuldpapier en andere kortetermijnleningen | 24 | 12 |
| Financiële leases | 2 | 2 |
| Totaal kortlopende leningen | 57 | 117 |
| Totaal leningen | 403 | 466 |
1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 december 2015.
3.22. Obligaties
De boekwaarde en reële waarde van obligaties zijn als volgt:
| € miljoen | Coupon | Vervaldatum | Boekwaarde | Reële waarde | ||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Rente | Datum | 30 juni 2016 Beperkt nazicht |
31 dec 2015 Gecontroleerd |
30 juni 2016 Beperkt nazicht |
31 dec 2015 Gecontroleerd |
|
| Langlopend | ||||||
| EMTN programma1 | 3,284% | 2019 | 20 | 20 | 20 | 20 |
| EMTN programma1 | 3,292% | 2019 | 55 | 55 | 55 | 55 |
| Particuliere obligatie | 3,750% | 2020 | 257 | 257 | 273 | 271 |
| Institutionele euro-obligatie | 4,125% | 2021 | 374 | 369 | 394 | 392 |
| Institutionele euro-obligatie | 1,875% | 2022 | 352 | 346 | 358 | 350 |
| Particuliere obligatie | 5,125% | 2023 | 196 | 189 | 216 | 210 |
| Totaal langlopende verplichtingen |
1 254 | 1 236 | 1 316 | 1 298 | ||
| Kortlopend | ||||||
| Institutionele euro-obligatie | 5,750% | 2016 | 504 | 506 | 512 | 525 |
| Totaal kortlopende verplichtingen |
504 | 506 | 512 | 525 |
1 De reële waarde van het EMTN-programma kan niet nauwkeurig worden bepaald door de beperkte liquiditeit in secundair markthandelen voor dit programma, en is voor rapporteringsdoeleinden vervangen door de boekwaarde.
Particuliere obligaties
Met vervaldatum in 2020
In maart 2013 rondde UCB een emissie van € 250 miljoen aan obligaties af in de vorm van een openbare aanbieding aan particuliere beleggers in België in het kader van haar EMTN-programma. De obligaties werden uitgegeven tegen 101,875% van de nominale waarde. De particuliere obligatie heeft een coupon van 3,75% per jaar een effectief rendement van 3,444% per jaar. De obligaties noteren op de gereglementeerde markt Euronext Brussel.
Met vervaldatum in 2023
In oktober 2009 voltooide UCB een openbare emissie van obligaties met een vaste couponrente ter waarde van € 750 miljoen, met een couponrendement en een effectieve rentevoet van 5,75 % per jaar, die is bedoeld voor particuliere beleggers.
In september 2013 deed UCB een onvoorwaardelijk openbaar ruilaanbod voor maximaal € 250 miljoen van de € 750 miljoen particuliere obligaties die in november 2014 afliepen en die een bruto-coupon van 5,75% hadden. Bestaande obligatiehouders kregen de kans om hun bestaande obligaties om te wisselen voor nieuw uitgegeven obligaties die in oktober 2023 vervallen in een ruilverhouding van 1 tot 1. Deze obligaties dragen een couponrendement van 5,125% per jaar, terwijl het effectief rendement 5,398% per jaar bedraagt.
Op het einde van de ruilperiode werden 175 717 bestaande obligaties voor omwisseling aangeboden, goed voor een nominaal bedrag van € 176 miljoen. De 175 717 nieuwe obligaties zijn in oktober 2013 uitgegeven en zijn genoteerd op Euronext te Brussel. De bestaande obligaties die in het kader van het omruilaanbod omgewisseld werden, zijn door UCB geannuleerd. De 574 283 uitstaande particuliere obligaties zijn vervallen en afgelost in november 2014.
Institutionele euro-obligaties
Met vervaldatum in 2016
In december 2009 voltooide UCB een emissie van ongedekte obligaties van hogere rangorde ter waarde van € 500 miljoen, die in 2016 aflopen en bedoeld zijn voor institutionele beleggers. Deze obligaties werden uitgegeven tegen 99,635% van de nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom afgelost worden. Deze obligaties dragen een couponrendement van 5,75% per jaar, terwijl het effectief rendement 5,8150% per jaar bedraagt. De obligaties zijn genoteerd op de beurs van Luxemburg.
Met vervaldatum in 2021
In september 2013 rondde UCB een emissie van ongedekte obligaties van hogere rangorde af ter waarde van € 350 miljoen, die in januari 2021 aflopen en uitgegeven worden in het kader van haar EMTNprogramma. Deze obligaties zijn in oktober 2013 uitgegeven tegen 99,944% van de nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom worden afgelost. Deze obligaties dragen een couponrendement van 4,125% per jaar, terwijl het effectief rendement 4,317% per jaar bedraagt. De obligaties zijn genoteerd op Euronext te Brussel.
Met vervaldatum in 2022
In april 2015 rondde UCB een emissie van ongedekte obligaties van hogere rangorde af ter waarde van € 350 miljoen, die in april 2022 aflopen en uitgegeven worden in het kader van haar EMTN-programma. Deze obligaties zijn in april 2015 uitgegeven tegen 99,877% van de nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom worden afgelost. Deze obligaties dragen een couponrendement van 1,875% per jaar, terwijl het effectief rendement 2,073% per jaar bedraagt. De obligaties zijn genoteerd op Euronext te Brussel.
3.23. Overige financiële verplichtingen
De overige financiële verplichtingen bevatten afgeleide financiële instrumenten voor een bedrag van € 129 miljoen (2015: € 86 miljoen). De overige financiële verplichtingen bevatten een verplichting van € 133 miljoen (2015: € 162 miljoen) voortvloeiend uit de uitgifte van warranten aan de aandeelhouders van Edev Sàrl (zie Toelichting 3.5).
EMTN programma
Met vervaldatum in 2019
In november 2013 heeft UCB voor € 55 miljoen aan notes uitgegeven, die aflopen in 2019. Deze notes werden uitgegeven tegen 100% van hun nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom afgelost worden. De notes hebben een couponrendement van 3,292% per jaar en een effectief rendement van 3,384% per jaar. De notes zijn genoteerd op Euronext te Brussel.
Met vervaldatum in 2019
In december 2013 heeft UCB voor € 20 miljoen aan notes uitgegeven, die aflopen in 2019. Deze notes werden uitgegeven tegen 100% van hun nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom afgelost worden. De notes hebben een couponrendement van 3,284% per jaar en een effectief rendement van 3,356% per jaar. De notes zijn genoteerd op Euronext te Brussel.
Reële waarde-afdekkingen
De Groep merkt afgeleide financiële instrumenten aan als reële-waardeafdekkingen van de particuliere obligaties en de institutionele euro-obligaties. De wijziging in de boekwaarde van de obligaties is volledig te wijten aan de wijziging in de reële waarde van het afgedekte deel van de obligaties, en wordt nagenoeg volledig gecompenseerd door de wijziging in de reële waarde van het corresponderende afgeleide financiële instrument.
3.24. Voorzieningen
Milieuvoorzieningen
De milieuvoorzieningen daalden van € 22 miljoen per eind december 2015 tot € 21 miljoen op het einde van de tussentijdse periode als gevolg van de terugneming van bepaalde milieuvoorzieningen in verband met de verkoop van de activiteiten van Surface Specialties. UCB behield de volledige verantwoordelijkheid in overeenstemming met de contractuele bepalingen die zijn overeengekomen met Cytec Industries Inc.
Reorganisatievoorzieningen
De reorganisatievoorzieningen daalden van € 28 miljoen eind december 2015 naar € 24 miljoen op het einde van de tussentijdse periode. Het gebruik van de voorziening wordt gedeeltelijk gecompenseerd door voorzieningen voor verdere optimalisatie.
Overige voorzieningen
De overige voorzieningen daalden van € 92 miljoen eind december 2015 naar € 91 miljoen op einde juni 2016. Een daling van € 16 miljoen is te wijten aan het gedeeltelijk gebruik van de voorziening die geboekt werd in 2015 met betrekking tot de verkoop van de fabriek in Shannon (totale provisie eind december 2015 bedroeg € 26 miljoen). Het overblijvende gedeelte van de overige voorzieningen heeft voornamelijk betrekking op voorzieningen voor rechtszaken en product aansprakelijkheid. Een beoordeling is uitgevoerd met betrekking tot deze risico's samen met de Groep's juridische adviseurs en deskundigen in de verschillende domeinen en de huidige uitstaande bedrag werd beoordeeld als beste schatting van de kosten voor de verplichtingen van de Groep af te wikkelen op balans datum.
3.25. Toelichting bij het geconsolideerde kasstroomoverzicht
Het kasstroomoverzicht geeft de operationele activiteiten, investeringsactiviteiten en financieringsactiviteiten weer.
UCB past de indirecte methode toe voor de operationele kasstromen. Het nettoresultaat is aangepast voor:
- de effecten van niet-geldelijke transacties zoals afschrijvingen, bijzondere waardeverminderingsverliezen, provisies, waarderingen tegen reële waarde enz., alsook de wijzigingen inzake werkkapitaal;
- opbrengsten en kosten die verband houden met kasstromen uit investerings- en financieringsactiviteiten.
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2016 Beperkt nazicht |
2015 Beperkt nazicht |
|---|---|---|
| Aanpassing voor niet-geldelijke transacties | 160 | 28 |
| Afschrijvingen | 114 | 131 |
| Afschrijvingen / terugnemingen (-) van bijzondere waardeverminderingen | 39 | 2 |
| Kost voor in eigen-vermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen |
-5 | 29 |
| Overige niet-geldelijke transacties in de winst- en verliesrekening | -23 | -10 |
| Als gevolg van de toepassing van IAS 39 | -11 | 4 |
| Niet-gerealiseerde wisselkoerswinst (-) / verlies | 34 | -145 |
| Wijziging in voorzieningen en personeelsbeloningen | 6 | -3 |
| Voorraadwijzigingen en voorzieningen voor dubieuze debiteuren | 5 | 20 |
| Aanpassing voor posten afzonderlijk te vermelden onder kasstromen uit operationele activiteiten |
91 | 123 |
| Belastingkost voor de periode uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 91 | 108 |
| Belastingkost voor de periode uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 0 | 15 |
| Aanpassing voor posten te vermelden onder kasstromen uit investerings- en financieringsactiviteiten |
-51 | -65 |
| Winst (-) / verlies uit de verkoop van vaste activa | -78 | -105 |
| Opbrengsten uit (-)/ kosten van dividenden | 0 | 0 |
| Rentebaten (-) / -kosten | 27 | 40 |
| Wijzigingen in het werkkapitaal | ||
| Voorraadbewegingen per geconsolideerde balans | -24 | -23 |
| Handels- en overige vorderingen en andere activabewegingen per | -102 | -40 |
| geconsolideerde balans | ||
| Handels- en overige schulden, beweging per geconsolideerde balans | -90 | 8 |
| Zoals opgenomen in de geconsolideerde balans en gecorrigeerd met: | -216 | -55 |
| Niet-geldelijke posten1 | 3 | -47 |
| Wijzigingen in voorraden en voorzieningen voor dubieuze debiteuren afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit operationele activiteiten |
1 | -20 |
| Wijzigingen in te ontvangen/te betalen intresten afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit operationele activiteiten |
-10 | -8 |
| Wijzigingen in te ontvangen dividenden afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit investeringsactiviteiten |
0 | 0 |
| Wijzigingen in te betalen dividenden afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit financieringsactiviteiten |
23 | 23 |
| Aanpassingen voor de omrekening van vreemde valuta | -6 | 65 |
| Zoals opgenomen in het geconsolideerd kasstroomoverzicht | -205 | -42 |
1 Niet-geldelijke posten houden hoofdzakelijk verband met transfers van de ene rubriek naar de andere, met niet-geldelijke bewegingen die verband houden met een nieuwe waardering van een geassocieerde deelneming in een vreemde munt en andere bewegingen die verband houden met toevoegingen aan/verwijderingen uit de consolidatiekring of met fusies van entiteiten.
3.26. Transacties met verbonden partijen
Vergoedingen van managers op sleutelposities
Er waren geen wijzigingen met betrekking tot de verbonden partijen die in het jaarverslag 2015 werden geïdentificeerd en vermeld.
De onderstaande vergoedingen van managers op sleutelposities omvatten de vergoedingen die zijn opgenomen in de winst- en verliesrekening voor de leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité, voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2016 waarin ze hun mandaat uitoefenden.
| € miljoen | 2016 Beperkt nazicht |
|---|---|
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 8 |
| Ontslagvergoedingen | 0 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | 2 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 0 |
| Totale vergoedingen van managers op sleutelposities |
10 |
3.27. Aandeelhouders en aandeelhoudersstructuur
Verklaringen ontvangen in overeenstemming met de wet van 2 mei 2007 betreffende de belangrijke aandelenparticipaties1
| Laatste wijziging: 30 juni 2016 | Kortlopend | Stemgerechtigd1 | Laatste relevante notificatie |
|---|---|---|---|
| Aandelenkapitaal | € 583 516 974 | 13 maart 2014 | |
| Totaal aantal stemgerechtigden (= noemer) | 194 505 658 | ||
| Financière de Tubize N.V. ('Tubize') | 68 076 981 | 35,00% | |
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 68 076 981 | 35,00% | 18 december 2015 |
| Schwarz Vermögensverwaltung GmbH Co. KG | 2 471 404 | 1,27% | |
| ('Schwarz') | |||
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 2 471 404 | 1,27% | 13 maart 2014 |
| Tubize + Schwarz3 | |||
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 70 548 385 | 36,27% | |
| UCB N.V. | 4 463 332 | 2,29% | |
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 3 463 332 | 1,78% | 30 juni 2016 |
| gelijkgestelde financiële instrumenten (opties)2 | 1 000 000 | 0,51% | 17 november 2015 |
| gelijkgestelde financiële instrumenten (andere)2 | 0 | 0,00% | 18 december 2015 |
| UCB Fipar N.V. | 3 185 529 | 1,64% | |
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 2 750 529 | 1,41% | 30 juni 2016 |
| gelijkgestelde financiële instrumenten (opties)2 | 435 000 | 0,22% | 3 juni 2015 |
| gelijkgestelde financiële instrumenten (andere)2 | 0 | 0,00% | 25 december 2015 |
| UCB NV + UCB Fipar SA4 | 7 648 861 | 3,93% | |
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 6 213 861 | 3,19% | |
| gelijkgestelde financiële instrumenten2 | 1 435 000 | 0,74% | |
| gelijkgestelde financiële instrumenten (andere)2 | 0 | 0,00% | |
| Free float5 (stemrechtverlenende effecten | |||
| (aandelen)) | 117 743 412 | 60,53% | |
| Capital Research and Management Company | |||
| (dochteronderneming van The Capital Group | |||
| Companies Inc.) | |||
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 19 462 506 | 10,01% | 13 november 2015 |
| Vanguard Health Care Fund | |||
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 9 741 353 | 5,01% | 28 oktober 2014 |
| BlackRock, Inc. | |||
| stemrechtverlenende effecten (aandelen) | 5 964 748 | 3,07% | 30 november 2015 |
1 Alle percentages zijn berekend op basis van het huidige totaal aantal stemrechten.
2 Gelijkgestelde financiële instrumenten in de zin van artikel 6 van het Koninklijk Besluit van 14 februari 2008 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen die, indien uitgeoefend, bijkomende stemrechten verlenen,
3 Tubize en Schwarz hebben verklaard in onderling overleg te handelen | artikel 6, §4 en artikel 9, §3, 3° van de wet op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen.
4 UCB SA/NV controleert onrechtstreeks UCB Fipar NV | art. 6, §5, 2°en art. 9, §3, 2 van de wet op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen.
5 Free float zijnde de UCB-aandelen niet gehouden door de Referentieaandeelhouder (Tubize), Schwarz, UCB NV of UCB Fipar NV. Voor deze berekening wordt enkel rekening gehouden met aandelen aangehouden door deze entiteiten, met uitzondering van gelijkgestelde financiële instrumenten.
3.28. Dividenden
Het voorstel van de raad van bestuur om een brutodividend van € 1,10 per aandeel (2015: €1,06 per aandeel) uit te betalen aan de houders van UCB aandelen gerechtigd op een dividend of 190 803 607 aandelen werd goedgekeurd op 28 april 2016. De 3 702 051 aandelen ingekocht door UCB NV op de datum van dividendbetaling hebben geen recht op een dividend. Een dividend voor een totaal bedrag van €
210 miljoen werd uitgekeerd (2015: € 205 miljoen) voor het boekjaar 2015 zoals goedgekeurd door de UCB-aandeelhouders op hun jaarlijkse algemene vergadering van 28 april 2016, en werd bijgevolg weergegeven in de eerste helft van 2016.
3.29. Verbintenissen en voorwaardelijke gebeurtenissen
Voorwaardelijke activa en verplichtingen
Belangrijke gebeurtenissen hebben plaatsgevonden in de eerste helft van het jaar 2016 waardoor de voorwaardelijke activa en verplichtingen die in het jaarverslag voor 2015 beschreven staan werden bijgewerkt (p. 142).
De Groep blijft actief betrokken bij rechtsgeschillen, claims en onderzoeken. De lopende zaken kunnen leiden tot verplichtingen, burgerlijke en strafrechtelijke boetes, verlies van productexclusiviteit en andere kosten, boetes en onkosten die verbonden zijn aan bevindingen die strijdig zijn met UCB's belangen.
UCB blijft verdedigende partij in iets minder dan 4500 Reglan® productaansprakelijkheidsrechtszaken. De rechtszaken werden grotendeels geconsolideerd in drie verschillende jurisdicties, met name Philadelphia, San Francisco en New Brunswick. Elk geschil betreft claims voor letsels als gevolg van het vermeende nalaten te waarschuwen voor het risico geassocieerd met het gebruik van metoclopramide gedurende meer dan 12 weken. Het merendeel van de gevallen betreft vermeende letsels als gevolg van het gebruik van generisch metoclopramide. Er zijn momenteel geen rechtszaken gepland voor 2016. Alhoewel de Vennootschap van mening is dat ze een goede verdediging heeft tegenover deze claims, en om de kosten en afleiding van een rechtszaak te voorkomen, heeft zij een vertrouwelijke dadingsovereenkomst gesloten die een kader schept waarbinnen alle claims tegen de Vennootschap worden opgelost voor een bedrag dat binnen de grenzen ligt van de bestaande verzekering van de Vennootschap. De schikking is onderworpen aan voldoende deelname door de eisers zoals bepaald door de Vennootschap naar eigen goeddunken. De Vennootschap voorziet dat de schikking gefinaliseerd zal zijn in 2016.
Entiteiten van de UCB Groep zijn genoemd als gedaagden in verschillende
productaansprakelijkheidsrechtzaken in Frankrijk. De eisers in deze rechtszaken beweren dat hun moeders tijdens hun zwangerschap Distilbène® , een voormalig product van de UCB Groep, genomen hebben en dat zij als gevolg daarvan lichamelijke letsels hebben opgelopen. De Groep heeft een productaansprakelijkheidsverzekering maar gezien deze dekking door de verzekering onvoldoende zal zijn, heeft de Groep een provisie aangelegd van € 50 miljoen (zie Toelichting 13 en Toelichting 31.3 van het 2015 jaarverslag).
UCB Pharma NV (UCB) is een gedaagde in een proces geïnitieerd door Desitin Arzneimittel GmbH (Desitin) aanhangig bij de arrondissementsrechtbank van Hamburg (Duitsland). Desitin eist een schadevergoeding voor de schade die zou zijn geleden naar aanleiding van de tenuitvoerlegging van een rechterlijk bevel verkregen door UCB tegen Desitin's handelsmerk "Kepmini", hetgeen later werd ingetrokken. Desitin eist een schadevergoeding ten bedrage van € 10 miljoen. Een hoorzitting werd gehouden op 17 februari 2015 en stelde vervolgens een regeling voor die aanzienlijk lager was dan wat Desitin nastreefde. Desitin verwierp de voorgestelde regeling van de rechtbank. De partijen wachten momenteel op een datum voor de hoorzitting. De Vennootschap is van mening dat zij een goede verdediging heeft tegenover deze claim.
UCB is een gedaagde in een proces geïnitieerd door de Medical Research Council (MRC) dat voorzien was om begin mei 2016 in proces te gaan bij de High Court of Justice, Chancery Division in Londen (Verenigd Koninkrijk). Het geschil werd met succes opgelost voorafgaand het proces door middel van een onderling overeengekomen schikking door de partijen op voorwaarden die zeer gunstig waren voor UCB. Alle vorderingen werden geschrapt en de procedure is afgewezen.
In februari 2015 werd er een klacht ingediend bij de Amerikaanse arrondissementsrechtbank voor het noordelijke district van Georgia, waarin UCB Holdings Inc., de toegezegd-pensioenregeling van UCB Inc. en het administratieve comité van de toegezegdpensioenregeling van UCB Inc. als gedaagden zijn genoemd. De klacht is gericht op de status van classaction en stelt claims te verdedigen inzake bepaalde pensioenvoordelen namens bepaalde huidige en voormalige werknemers van UCB, Inc. die voorheen werkzaam waren bij twee verschillende voorgaande ondernemingen die in de jaren 90 door UCB, Inc. zijn verworven. Op 6 januari 2016 heeft de rechtbank UCB's verzoek tot afwijzing van vijf van de tien claims in deze zaak toegekend. De Vennootschap gelooft dat het een zeer goed verweer heeft tegen deze claims en is van plan om deze zaak krachtig te verdedigen. De partijen zijn echter overeengekomen om de zaak te bemiddelen in augustus 2016.
Op 22 juni 2015 ontving de Vennootschap een dagvaarding van de New York Attorney General's Office, Medicaid Fraud Control Unit ("NYAG"), om te zoeken naar documenten in verband met vermeende onderbetaling van Medicaid kortingen voor bepaalde perioden tussen 2002 en 2005. De Vennootschap verleent haar volledige medewerking aan de NYAG.
In maart 2016 ontving de Vennootschap een Civil Investigative Demand (CID) van de Civil Frauds Unit van het kantoor van de U.S. Attorney's Office in het zuidelijk district van New York. De CID vraagt het bedrijf om alle Cimzia® contracten (vanaf januari 2006 tot en met vandaag) tussen de Vennootschap en eventuele Pharmacy Benefit Manager (PBM) te
identificeren en te verstrekken, met inbegrip van alle documenten die nodig zijn om alle verrichte diensten te laten zien door een PBM evenals alle betalingen aan een PBM. De Vennootschap werkt samen met de U.S. Attorney's Office in reactie op de CID.
Het wordt niet verwacht dat er enige materiële verplichtingen zullen ontstaan uit de voorwaardelijke verplichtingen andere dan deze die voorzien werden (zie Toelichting 3.24 alsook Toelichting 31 van het jaarverslag voor 2015).
Kapitaalverbintenissen
Op 30 juni 2016 heeft de Groep zich verbonden om € 50 miljoen (eind 2015: € 40 miljoen) te besteden aan kapitaaluitgaven voor de biologische site in Bulle (Zwitserland), de installatie van een nieuwe productielijn (België) en IT infrastructuur.
UCB sloot een aantal ontwikkelingsovereenkomsten op lange termijn af met verschillende farmaceutische bedrijven, bedrijven die klinische studies uitvoeren en financiële investeerders. Zulke samenwerkingsovereenkomsten kunnen mijlpaalbetalingen omvatten die afhankelijk zijn van succesvolle klinische ontwikkelingen of van het behalen van specifieke verkoopdoelstellingen. Op 30 juni 2016 had de Groep voor ongeveer € 16 miljoen aan verplichtingen in verband met immateriële activa die in de tweede jaarhelft betaald moeten worden.
Garanties
De garanties die in de loop van de normale bedrijfsvoering ontstaan, zullen naar verwachting niet resulteren in enige wezenlijke financiële verliezen.
3.30. Gebeurtenissen na de tussentijdse balansdatum
- UCB stootte haar overige nitraatactiviteiten in Rusland en Oekraïne af.
- UCB en Daiichi Sankyo kondigen de Japanse goedkeuring van lacosamide (merknaam Vimpat® ) als adjunctieve therapie bij de behandeling van partiële aanvallen bij volwassenen met epilepsie.
- UCB geeft UCB6352 in licentie aan Syndax Pharmaceuticals om het antilichaam te ontwikkelen. Het begin van klinische proeven in oncologie worden verwacht in 2016.
4. Verslag van de commissaris
omtrent het beperkt nazicht van de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie voor de periode afgesloten op 30 juni 2016
Inleiding
We hebben een beperkt nazicht uitgevoerd van de in bijlage opgenomen verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie van UCB NV en haar dochtervennootschappen (de "Groep") op 30 juni 2016, die de verkorte geconsolideerde balans op 30 juni 2016 en de verkorte geconsolideerde winst-enverliesrekening, het verkorte geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, de verkorte geconsolideerde staat van wijzigingen in het eigen vermogen en het verkorte geconsolideerd kasstroomoverzicht over de periode van zes maanden afgesloten op die datum omvat, evenals van de toelichtingen. De raad van bestuur is verantwoordelijk dat deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is opgesteld en gepresenteerd in overeenstemming met IAS 34 zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Het is onze verantwoordelijkheid om een besluit te formuleren over deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie op basis van ons beperkt nazicht.
Omvang van het beperkt nazicht
We hebben ons beperkt nazicht uitgevoerd overeenkomstig met de "International Standard on Review Engagements 2410 - Review of interim financial information performed by the independent auditor of the entity". Een nazicht bestaat uit vragen van inlichtingen aan hoofdzakelijk financiële en boekhoudkundige verantwoordelijken, en het toepassen van analytische en andere procedures van nazicht. Een beperkt nazicht is substantieel minder uitgebreid dan een volkomen controle uitgevoerd volgens "International Standards on Auditing" en laat ons bijgevolg niet toe om met zekerheid te stellen dat we kennis hebben van alle belangrijke gegevens die zouden geïdentificeerd zijn indien we een volkomen controle zouden hebben uitgevoerd. We brengen dan ook geen controle verslag uit.
Conclusie
Op basis van ons beperkt nazicht is niets onder onze aandacht gekomen dat ons doet aannemen dat de bijgaande verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie, in alle materiële opzichten niet opgesteld zou zijn in overeenstemming met IAS 34 zoals goedgekeurd door de Europese Unie.
Sint-Stevens-Woluwe, 27 juli 2016
PwC Bedrijfsrevisoren Vertegenwoordigd door
Romain Seffer*
Bedrijfsrevisor
* Romain Seffer BV BVBA
Lid van de Raad van Bestuur, vertegenwoordigd door zijn vaste vertegenwoordiger, Romain Seffer
5. Verantwoordingsverklaring
We bevestigen hierbij dat, naar ons beste weten, de verkorte geconsolideerde financiële informatie voor de periode van zes maanden die eindigt op 30 juni 2016, die werd opgesteld in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse financiële verslaggeving" zoals aanvaard door de Europese Unie, een waarheidsgetrouw en reëel beeld geven van de activa, de passiva, de financiële positie en de winst/het verlies van de vennootschap en de ondernemingen die als een geheel in de consolidatie zijn opgenomen, en dat het tussentijdse beheersverslag een reëel overzicht geeft
van de belangrijke gebeurtenissen die zich in de eerste zes maanden van het boekjaar hebben voorgedaan, van de belangrijke transacties met de verbonden partijen, en van hun impact op de verkorte geconsolideerde financiële informatie, samen met een beschrijving van de belangrijkste risico's en onzekerheden voor de resterende zes maanden van het boekjaar.
In naam van de raad van bestuur
Jean-Christophe TELLIER, Detlef THIELGEN, Chief Executive Officer Chief Financial Officer
6. Verklarende woordenlijst
CW Constante wisselkoersen
EBIT (Earnings Before Interest and Taxes) / Winst vóór rente en belastingen
Operationele winst zoals vermeld in de geconsolideerde jaarrekening.
EMA / European Medicines Agency
Instantie die verantwoordelijk is voor de beoordeling van geneesmiddelen ter bescherming en bevordering van de gezondheid van mens en dier. www.emea.europa.eu
Gevestigde merken
Portfolio van 150 geneesmiddelen van hoge kwaliteit die niet langer beschermd zijn door een patent, met bewezen waarde voor patiënten en dokters gedurende vele jaren.
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen
Aantal uitstaande gewone aandelen aan het begin van de periode, aangepast voor het aantal aandelen ingekocht of uitgegeven gedurende de periode, vermenigvuldigd met een tijdswegingsfactor
FDA / U.S. Food and Drug Administration
Agentschap binnen het Amerikaanse ministerie van Volksgezondheid en Human Services dat verantwoordelijk is voor de bescherming en bevordering van de gezondheid van de natie. www.fda.gov
Financiële éénmalige posten
Winsten en verliezen voortvloeiend uit de verkoop van financiële vaste activa (andere dan afgeleide financiële instrumenten en restitutierechten voor toegezegdpensioenregelingen) alsook bijzondere waardeverminderingsverliezen op deze financiële vaste activa worden beschouwd als financiële eenmalige posten.
Kern-WPA / Kern winst per aandeel
Winst die kan worden toegerekend aan UCB aandeelhouders, aangepast voor de impact na belasting van niet-recurrente posten, financiële eenmalige posten, éénmalige winstbelastingen, nietrecurrente winstbelastingen, de bijdrage na belasting van beëindigde bedrijfsactiviteiten, en de nettoafschrijvingen van immateriële activa verbonden met verkopen, gedeeld door het niet-verwaterd gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen.
Netto financiële schuld
Langlopende en kortlopende leningen, obligaties en voorschotten in rekening-courant verminderd met voor verkoop beschikbare obligaties, in pand gegeven contanten met betrekking tot financiële leaseovereenkomsten, geldmiddelen en kasequivalenten.
PA Partiële aanvallen
PGTCA primaire, gegeneraliseerde tonischeclonische aanvallen
PMDA / Pharmaceuticals And Medical Devices Agency
Japanse regelgevende autoriteit belast met de bescherming van de gezondheid van de bevolking door het verzekeren van de veiligheid, efficiëntie en kwaliteit van geneesmiddelen en medische toestellen.http://www.pmda.go.jp/english/
Recurrente EBIT (REBIT)
Operationele winst gecorrigeerd voor bijzondere waardevermindering van activa, reorganisatiekosten en overige baten en lasten.
Recurrente EBITDA (REBITDA / Recurring Earnings Before Interest, Taxes, Depreciation and Amortization charges)
Operationele winst gecorrigeerd voor afschrijvingen, bijzondere waardeverminderingen, reorganisatiekosten en overige baten en lasten.
Werkkapitaal
Omvat voorraden, handelsvorderingen en overige vorderingen en handelsschulden en overige schulden, verschuldigd binnen en na meer dan 12 maanden.
WPA Winst per aandeel
Financiële kalender
25 oktober 2016 Interimverslag
23 februari 2017 Jaarrekening voor 2016
Toelichtingen
Deze niet-geauditeerde verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële staten zijn opgesteld in overeenstemming met International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie, met inbegrip van IAS 34 - Tussentijdse financiële verslaggeving. Bij het opstellen van deze financiële staten op 30 juni 2016 en voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2016 werden dezelfde grondslagen voor financiële verslaggeving en boekhoudkundige schattingen gebruikt als in de geconsolideerde jaarrekening per 31 december 2015, tenzij anders aangegeven. Geen van de nieuwe of herziene IFRS-standaarden en interpretaties die verplicht van toepassing zijn met ingang vanaf 1 januari 2016 heeft een belangrijke invloed op dit tussentijds verslag gehad.
Dit tussentijds verslag geeft slechts een verklaring van de gebeurtenissen en transacties die belangrijk zijn om de veranderingen in de financiële positie en de financiële prestaties sinds de laatste jaarlijkse verslagperiode te begrijpen, en dient daarom te worden gelezen in samenhang met de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2015, beschikbaar op de website van de UCB (www.ucb.com). Andere informatie op de website van UCB of op andere websites, maakt geen deel uit dit halfjaarlijks verslag.
Officiële taal van het verslag
Volgens de Belgische wet moet UCB haar jaarverslag in het Frans en het Nederlands publiceren. UCB heeft dit jaarverslag ook in het Engels ter beschikking gesteld. In het geval van verschillen in vertalingen of interpretaties tussen de versies, zal de Franse versie doorslaggevend zijn.
Toekomstgerichte verklaringen
Dit halfjaarverslag bevat uitspraken over de toekomst op basis van bestaande plannen, ramingen en overtuigingen van het management. Alle uitspraken, behalve uitspraken die historische feiten inhouden, zijn uitspraken die beschouwd dienen te worden als toekomstgerichte verklaringen, met inbegrip van ramingen van inkomsten, operationele marges, kapitaaluitgaven, contanten, andere financiële informatie, de verwachte juridische, politieke,
reglementaire of klinische resultaten en andere soortgelijke ramingen en resultaten. Per definitie bieden dergelijke toekomstgerichte verklaringen geen garantie op resultaten in de toekomst en zijn ze onderhevig aan risico's, onzekerheden en aannemingen die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten beduidend kunnen afwijken van de toekomstgerichte verklaringen die in dit halfjaarverslag uitgedrukt worden. Belangrijke factoren die tot dergelijke verschillen zouden kunnen leiden zijn: wijzigingen in de algemene economische, zakelijke en concurrentiële situatie, het mislopen van de vereiste reglementaire goedkeuringen of het niet tegen aanvaardbare voorwaarden kunnen verkrijgen ervan, kosten in verband met onderzoek en ontwikkeling, wijzigingen in de vooruitzichten van producten die in de pijplijn zitten of door UCB ontwikkeld worden, gevolgen van toekomstige wettelijke uitspraken of onderzoeken door de overheid, claims in verband met productaansprakelijkheid, aanvechting van de patentbescherming van producten of kandidaat-producten, wijzigingen in de wetgeving, wisselkoersschommelingen, wijzigingen of onzekerheden in de belastingwetgeving of de handhaving van deze wetten en het aanwerven en behouden van het personeel.
Voorts vormt in dit document vervatte informatie geen aanbod tot verkopen of uitnodiging tot formuleren van een aanbod tot kopen van om het even welke effecten en is er geen sprake van aanbod, verzoek of verkoop van effecten in om het even welke jurisdictie waar een dergelijk aanbod, verzoek of verkoop onwettig zou zijn vóór de registratie of kwalificatie volgens de effectenwetgeving van deze jurisdictie. UCB geeft deze informatie vrij vanaf de datum van dit persbericht en wijst uitdrukkelijk de verantwoordelijkheid af om de informatie in dit persbericht bij te werken, zowel om de feitelijke resultaten te bevestigen of om een wijziging van de verwachtingen te melden.
Er is geen enkele garantie dat kandidaat-producten in de pijplijn goedgekeurd zullen worden als product of dat er nieuwe indicaties voor bestaande producten ontwikkeld en goedgekeurd zullen worden. Producten of potentiële producten die het onderwerp zijn van samenwerkingen, joint ventures of licentiesamenwerkingen kunnen onderhevig zijn aan verschillen tussen de partners. UCB of anderen kunnen ook problemen ontdekken met betrekking tot
de veiligheid, de bijwerkingen of met de productie van zijn producten nadat deze op de markt gebracht zijn.
Bovendien kunnen de verkoopcijfers beïnvloed worden door nationale en internationale tendensen op het gebied van kostenbeheersing in de gezondheidszorg en het terugbetalingsbeleid opgelegd door derde betalers, evenals door de wetgeving die de prijs en de terugbetaling van biofarmaceutica beïnvloedt.
Over UCB
UCB, Brussel, België (www.ucb.com) is een wereldwijd biofarmaceutisch bedrijf dat zich toelegt op het ontdekken en ontwikkelen van innovatieve geneesmiddelen en oplossingen voor het transformeren van het leven van mensen met ernstige ziekten van het immuunsysteem of het centraal zenuwstelsel. Het bedrijf telt meer dan 7 500 medewerkers in zowat 40 landen. In 2015 bedroegen de inkomsten € 3,9 miljard EUR. UCB is genoteerd op de NYSE Euronext te Brussel (symbool: UCB). Volg ons op Twitter: @UCB_news
Contacten
Investor Relations
Antje Witte, Investor Relations, UCB T +32.2.559.94.14 [email protected]
Isabelle Ghellynck, Investor Relations, UCB T+32.2.559.95.88 [email protected]
Download nu onze nieuw IR app op en
Corporate Communication
France Nivelle, Global Communications, UCB T +32.2.559.91.78 [email protected]
Laurent Schots, Media Relations, UCB T+32.2.559.92.64 [email protected]