AI assistant
UCB — Interim / Quarterly Report 2013
Jul 31, 2013
4017_ir_2013-07-31_dc68c051-ca05-4759-8ce7-28bd5d8a8d7c.pdf
Interim / Quarterly Report
Open in viewerOpens in your device viewer
Halfjaarlijks financieel verslag 2013
Kerncijfers
- De omzet steeg in de eerste zes maanden van 2013 met 3% tot € 1 657 miljoen. De netto-omzet bedroeg € 1 466 miljoen, 4% minder dan in dezelfde periode van 2012, als gevolg van de concurrentie van generische geneesmiddelen op Keppra® en andere rijpe producten, grotendeels gecompenseerd door de sterke prestaties van de kerngeneesmiddelen Cimzia® Vimpat® en Neupro® . De royaltyinkomsten en vergoedingen bleven op hetzelfde peil. De overige opbrengsten stegen met 11% dankzij de mijlpaalbetalingen die werden ontvangen na de lancering van Cimzia® en Neupro® in Japan en de vooruitbetaling van R-Pharm voor de licentie van olokizumab.
- De recurrente EBITDA bedroeg € 319 miljoen in vergelijking met € 361 miljoen op 30 juni 2012, een daling met 12% die de hoge onderzoeks- en ontwikkelingskosten weerspiegelt evenals de generische erosie van Keppra® en andere producten.
- De nettowinst daalde van € 137 miljoen in de eerste helft van 2012 tot € 87 miljoen in de eerste zes maanden van 2013 als gevolg van de lagere nettoverkoop en een hogere winstbelasting.
- De kernwinst per aandeel (WPA) bedroeg € 0,90 tegen € 1,09 in de eerste helft van 2012.
| Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni1 | Actueel | Verschil | ||
|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2013 | 2012 | Actuele | Constante |
| (herwerkt)2 | wisselkoersen | wisselkoersen | ||
| Opbrengsten | 1 657 | 1 706 | -3% | -1% |
| Netto-omzet | 1 466 | 1 527 | -4% | -2% |
| Royalty-inkomsten en -vergoedingen | 85 | 83 | 2% | 4% |
| Overige opbrengsten | 106 | 95 | 11% | 15% |
| Brutowinst | 1 135 | 1 183 | -4% | -1% |
| Marketing- en verkoopkosten | -413 | -440 | -6% | -3% |
| Onderzoeks- en ontwikkelingskosten | -424 | -405 | 5% | 7% |
| Algemene kosten en administratiekosten | -107 | -94 | 13% | 14% |
| Overige bedrijfsbaten/lasten(-) | 3 | -3 | >-100% | >-100% |
| Recurrente EBIT (REBIT) | 194 | 241 | -20% | -15% |
| Niet-recurrente baten/lasten (-) | -19 | -14 | 27% | 30% |
| EBIT (operationele winst) | 175 | 227 | -23% | -18% |
| Netto financiële lasten (-) | -69 | -76 | -9% | -8% |
| Winst vóór winstbelastingen | 106 | 137 | -30% | -22% |
| Winstbelastingen (-) / tegoeden | -22 | -16 | 38% | 52% |
| Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 84 | 135 | -38% | -31% |
| Winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 3 | 2 | 69% | 69% |
| Nettowinst | 87 | 137 | -36% | -30% |
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB | 92 | 137 | -33% | -30% |
| Toerekenbaar aan minderheidsbelangen | -5 | 0 | n.s. | n.s. |
| Recurrente EBITDA | 319 | 361 | -12% | -8% |
| Kapitaalinvesteringen (inclusief immateriële activa) | 185 | 83 | >100% | n.s. |
| Netto financiële schuld1 | 2 096 | 1 766 | 19% | n.s. |
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 32 | 221 | <100% | n.s. |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen - niet-verwaterd | 181,9 | 179,1 | 2% | n.s. |
| Winst per aandeel (€ per niet-verwaterd gewogen | 0,51 | 0,77 | -34% | -30% |
| gemiddeld aandeel) Aangepaste winst per aandeel |
0,90 | 1,09 | -17% | -15% |
| (€ per niet-verwaterd gewogen gemiddeld aandeel) |
1 Uitgezonderd voor de netto-schuld, waar 2012 is gerelateerd tot de situatie zoals gepubliceerd in de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening per 31 december 2012.
2 Herwerkt voor onderzoeks- en ontwikkelings belastingkredieten, voordien geboekt als winsttegoeden, worden nu geboekt onder onderzoeks- en ontwikkelingskosten.
| Halfjaarlijks financieel verslag 2013 1 | ||
|---|---|---|
| Belangrijkste gebeurtenissen in 2013 3 | ||
| Managementverslag over het eerste semester 2013 5 | ||
| 1. | Netto-omzet per product 5 | |
| 2. | Netto-omzet per geografische zone 7 | |
| 3. | Royaltyinkomsten en -vergoedingen 9 | |
| 4. | Overige opbrengsten 9 | |
| 5. | Brutowinst 10 | |
| 6. | Recurrente EBIT en recurrente EBITDA 10 | |
| 7. | Nettowinst, aangepaste nettowinst en kernopbrengsten 11 | |
| 8. | Balans (zie verkorte geconsolideerd balans hierna) 12 | |
| 9. | Kasstroomoverzicht (zie kasstroomoverzicht hierna) 13 | |
| 10. | Risico's 13 | |
| 11. | Vooruitzichten voor 2013 13 | |
| Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening 14 | ||
| Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 15 | ||
| Verkorte geconsolideerde balans 16 | ||
| Verkort geconsolideerd overzicht van de wijzigingen in het eigen vermogen 18 | ||
| Toelichting bij de verkorte geconsolideerde tussentijds financiële informatie 20 | ||
| 1. | Algemene informatie 20 | |
| 2. | Grondslag voor de opstelling 20 | |
| 3. | Grondslagen voor de verslaglegging 20 | |
| 4. | Schattingen 20 | |
| 5. | Financieel risicobeheer 21 | |
| 6. | Gesegmenteerde informatie 23 | |
| 7. | Seizoensgebonden activiteiten 25 | |
| 8. | Bedrijfscombinaties 25 | |
| 9. | Overige bedrijfsopbrengsten en -uitgaven 26 | |
| 10. | Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa 26 | |
| 11. | Reorganisatiekosten 26 | |
| 12. | Overige baten en lasten 26 | |
| 13. | Financiële baten en lasten 27 | |
| 14. | Winstbelastingen (-) / tegoeden 27 | |
| 15. | Beëindigde bedrijfsactiviteiten 27 | |
| 16. | Immateriële activa 27 | |
| 17. | Goodwill 27 | |
| 18. | Materiële vaste activa 28 | |
| 19. | Financiële en overige activa 28 | |
| 20. | Waardevermindering op voorraden 28 | |
| 21. | Kapitaal en reserves 28 | |
| 22. | Dividenden 30 | |
| 23. | Leningen 30 | |
| 24. | Obligaties 30 | |
| 25. | Overige financiële verplichtingen 31 | |
| 26. | Voorzieningen 32 | |
| 27. | Toelichting bij het geconsolideerde kasstroomoverzicht 32 | |
| 28. | Transacties met verbonden partijen 33 | |
| 29. | Verbintenissen en voorwaardelijke gebeurtenissen 35 | |
| 30. | Gebeurtenissen na de tussentijdse balansdatum 35 | |
| Verslag van de commissaris 36 | ||
| Verantwoordingsverklaring 37 |
Belangrijkste gebeurtenissen in 2013
Er hebben zich een aantal belangrijke gebeurtenissen voorgedaan die UCB financieel hebben beïnvloed of zullen beïnvloeden:
Belangrijke overeenkomsten/initiatieven
- Februari 2013 O&O-partnerschap met ConfometRx: UCB sloot een onderzoeksovereenkomst af met ConfometRX om samen te werken aan het ontdekken van nieuwe geneesmiddelen die voorzien in onvervulde medische behoeften op het gebied van de neurowetenschappen. Volgens deze tweejarige overeenkomst met meerdere doeleinden, zullen UCB en ConfometRx gebruikmaken van structurele biologie om inzicht te verkrijgen in de modulatie van G-proteïnegekoppelde receptoren (GPCR's) met als doel het ontwikkelen van gedifferentieerde geneesmiddelen.
- Februari 2013 UCB nam wereldwijde rechten op tozadenant bij de ziekte van Parkinson in licentie van Biotie Therapies: UCB verwierf de exclusieve wereldwijde licentierechten op Biotie's tozadenant (SYN115), een selectieve remmer van de adenosine-2a-receptor, momenteel in ontwikkeling voor de behandeling van de ziekte van Parkinson. Als gevolg daarvan ontvangt Biotie van UCB een eenmalige vergoeding van US\$ 20 miljoen. Bovendien voert Biotie de fase 3-ontwikkeling uit van tozadenant in ruil voor additionele betalingen door UCB , op basis van het met succes behalen van bepaalde mijlpalen in de ontwikkeling, goedkeuring en het op de markt brengen.
- Maart 2013 Uitgifte vastrentende obligatie: UCB voltooide met succes de plaatsing van zijn 3,75% vastrentende obligatie door middel van een openbare aanbieding in België. De totale nominale waarde van de emissie bedraagt € 250 miljoen.
-
Maart 2013 Strategische ontdekkingssamenwerking met Five Prime Therapeutics: UCB en Five Prime Therapeutics gingen een strategische samenwerking aan voor het ontdekken van innovatieve doelen voor biologicals en therapeutica op het gebied van fibrosegerelateerde inflammatoire aandoeningen en aandoeningen van het centrale zenuwstelsel (CZS).
-
Maart 2013 UCB versterkt het langetermijnpartnerschap met UNITHER Pharmaceuticals voor zijn fabriek in Rochester: UCB kwam met UNITHER Pharmaceuticals, een vooraanstaand farmaproducent, de overname overeen van UCB's fabriek in Rochester, NY. Deze overeenkomst kadert in de strategie van UCB om zijn productienetwerk te optimaliseren en gelijke tred te laten houden met de evolutie van zijn portfolio. De deal omvat tevens een zesjarige leveringsovereenkomst tussen UCB en UNITHER.
- Juni 2013 UCB werkt samen met CRELUX en 4SC Discovery aan onvervulde behoeften in neurologie: op basis van hun gezamenlijke idea-to-candidate (i2c) platform zullen CRELUX en 4SC Discovery kleinmoleculaire stoffen ontdekken en optimaliseren om kandidaat-geneesmiddelen van hoge kwaliteit te leveren aan UCB.
- Juni 2013 UCB gaf een licentie voor olokizumab aan R-Pharm: UCB en R-Pharm, een particulier farmabedrijf dat is gevestigd in Moskou (Rusland), sloten een wereldwijde exclusieve licentieovereenkomst af. Daardoor zal R-Pharm olokizumab zal ontwikkelen en commercialiseren voor alle indicaties, ook reumatoïde artritis.
- Juli 2013 UCB's Kremers Urban Pharmaceuticals Inc. krijgt FDA-goedkeuring voor 18 mg en 27 mg methylfenidaathydrochloride met vertraagde afgifte waarvoor Concerta® het als referentie vermelde geneesmiddelproduct is. KU is begonnen met de uitrolactiviteiten en met het leveren aan de Amerikaanse markt. KU kreeg ook de voorlopige goedkeuring voor 36 mg en 54 mg en kan een definitieve goedkeuring krijgen na afloop van de exclusiviteit in september 2013.
Update over de reglementering en vooruitgang van de pijplijn
Centraal zenuwstelsel (CZS)
• Vimpat® (lacosamide) genereerde positieve resultaten in fase 3-monotherapiestudie in de VS: toplineresultaten toonden aan dat de studie van de conversie naar lacosamidemonotherapie het primaire eindpunt behaald heeft (maart 2013). UCB dient deze gegevens in als element van de aanvullende aanvraag voor nieuw geneesmiddel bij de FDA (Food and Drug Administration) in het tweede semester van 2013. Het Europese monotherapie fase 3-
ontwikkelingsprogramma voor Vimpat® voor de behandeling van partiële aanvallen verlopen volgens plan en de eerste resultaten worden verwacht in het vierde kwartaal van 2014.
De start van het pediatrische fase 3-programma is gepland voor 2013. Besprekingen met regelgevende instanties om voor Vimpat® over te gaan tot fase 3 ontwikkeling voor primaire gegeneraliseerde tonischklonische aanvallen (PGTCS) zijn aan de gang. De fase 3-klinische test in Azië verloopt volgens plan en de eerste resultaten worden verwacht in de eerste helft van 2015.
In juni 2013 ontving UCB marktvergunningsaanvragen (ANDA's) die recent door generische bedrijven werden ingediend voor Vimpat® . UCB diende een klacht in tegen de ANDA-indieners.
- Neupro® (rotigotine transdermal system) werd in februari 2013 geïntroduceerd in Japan voor vroege en gevorderde stadia van de ziekte van Parkinson (PD) en voor het rustelozebenensyndroom (RLS). Otsuka Pharmaceutical, de CZS partner van UCB, heeft de exclusieve rechten voor het ontwikkelen en op de markt brengen van Neupro® in Japan.
- In mei 2013 kregen UCB en Otsuka Pharmaceutical in Japan de officiële toelating voor E Keppra® (levetiracetam) als ondersteunende therapie bij de behandeling van partiële aanvallen bij pediatrische patiënten met epilepsie van vier jaar en ouder. In Japan wordt E Keppra® sinds september 2010 op de markt gebracht als aanvullende therapie voor partiële aanvallen bij volwassen patiënten met epilepsie in combinatie met andere anti-epileptica.
- De fase 3-studie ter evaluatie van brivaracetam als aanvullende therapie bij de behandeling van partiële aanvallen bij volwassen epilepsiepatiiëten is lopende. De eerste resultaten worden verwacht in de tweede helft van 2014.
Immunologie
• In februari 2013 kondigde UCB twee nieuwe goedkeuringsaanvragen aan bij de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) en het Europese geneesmiddelenbureau (EMA) voor het uitbreiden van de vergunning voor het in de handel brengen voor Cimzia® (certolizumab pegol) voor de behandeling van volwassen patiënten met actieve psoriatische artritis (PsA) en voor volwassen patiënten met actieve axiale spondyloartritis (axSpA). Deze
goedkeuringsaanvragen worden momenteel door beide agentschappen onderzocht.
Het Arthritis Advisory Committee van de FDA kwam in juli bijeen ter bespreking van de supplemental biologics application (sBLA) van UCB voor Cimzia® voor de voorgestelde indicatie van de behandeling van volwassenen met actieve axiale spondyloartritis (axSpA), incl. patiënten met ankylopoetica spondylitis (AS). Het comité stemde met zeven stemmen tegen zes, bij één onthouding, om de goedkeuring van Cimzia® voor de voorgestelde indicatie aan te bevelen. De FDA is niet gebonden door het advies van het comité maar zal zijn aanbevelingen wellicht in acht nemen aangezien het een aanvulling betekent van zijn controle.
In maart 2013 lanceerden UCB en Astellas, zijn Japanse immunologiepartner, Cimzia® voor de behandeling van reumatoïde artritis (RA) in Japan. De overige klinische ontwikkelingsprojecten voor Cimzia® zijn lopende.
- UCB en zijn partner Amgen Inc. beslisten in februari 2013 om niet over te gaan tot een fase 3-klinisch programma voor romosozumab (CDP7851 / AMG785) voor botgroeistimulatie. Deze beslissing heeft geen invloed op het fase 3-programma voor postmenopauzale osteoporose (PMO) waarvan de eerste resultaten worden verwacht tegen eind 2015.
- Het fase 3-programma voor epratuzumab zal patiënten met systemic lupus erythematosus (SLE) blijven opnemen in heel 2013. De trager dan verwachte inschrijving is te wijten aan de heterogene aard van SLE en de complexe aspecten van de diagnostische instrumenten. De eerste resultaten worden nu verwacht tegen het eerste kwartaal van 2015.
- Voor CDP7657, een CD40 ligand antilichaam dat wordt ontwikkeld in partnership met Biogen Idec, startte UCB een fase 1b-studie in SLE. De eerste resultaten worden verwacht in de tweede helft van 2014.
Managementverslag over het eerste semester 2013
De financiële informatie in dit managementverslag moet worden gelezen in samenhang met het verkort geconsolideerd tussentijds financieel verslag en de geconsolideerde jaarrekening op 31 december 2012. Dit verkort geconsolideerd tussentijds financieel verslag werd beperkt nagezien, niet geauditeerd.
Wijziging van de groep: Als resultaat van de afstoting van de resterende niet-farmaceutische activiteiten (zoals Surface Specialities) in februari 2005, rapporteert UCB de resultaten van deze activiteiten als deel van de winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten.
Recurrente en niet-recurrente posten: Eenmalige transacties en beslissingen die de resultaten van UCB beïnvloeden, worden afzonderlijk weergegeven ('nietrecurrente' posten). Naast de EBIT (winst vóór rente en belastingen of operationele winst), is een regel voor 'recurrente EBIT' (REBIT of recurrente operationele winst) opgenomen die de lopende rentabiliteit van de biofarmaceutische activiteiten van de onderneming weerspiegelt. De recurrente EBIT is gelijk aan de regel 'operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van activa, herstructurering en overige baten en lasten' die in de geconsolideerde jaarrekening gerapporteerd wordt.
Aangepaste nettowinst: Eenmalige transacties en beslissingen die de resultaten van UCB voor beide beschouwde periodes beïnvloeden, worden afzonderlijk behandeld ("niet-recurrente posten" en "eenmalige posten"). Voor like-for-like-vergelijkingsdoeleinden werd een regel opgenomen voor "aangepaste nettowinst", die de lopende winst na belastingen van de biofarmaceutische activiteiten weergeeft. De aangepaste nettowinst is gelijk aan de regel "winst" in de geconsolideerde jaarrekening, aangepast voor nietvoortgezette activiteiten en de impact na belasting van niet-recurrente posten en eenmalige posten.
Kern-WPA: De aangepaste nettowinst, zoals hierboven gedefinieerd, met toevoeging van de afschrijving na belasting van immateriële activa die gekoppeld zijn aan de verkoop, per niet-verwaterd gewogen gemiddeld aandeel.
Kernproducten: De "kernproducten" zijn UCB's recent geïntroduceerde geneesmiddelen Cimzia® , Vimpat® en Neupro® . UCB's prioriteit is de verdere lancering en groei van deze drie producten.
1. Netto-omzet per product
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | Actuele | Constante | ||
| wisselkoersen | wisselkoersen | ||||
| Kernproducten | 537 | 413 | 30% | 32% | |
| Cimzia® | 272 | 209 | 30% | 33% | |
| Vimpat® | 185 | 150 | 23% | 25% | |
| Neupro® | 80 | 54 | 48% | 48% | |
| Andere producten | 929 | 1 114 | -17% | -14% | |
| Keppra® (inclusief Keppra® XR) |
361 | 445 | -19% | -17% | |
| Zyrtec® (inclusief Zyrtec-D® / Cirrus® ) |
133 | 150 | -12% | -3% | |
| Xyzal® | 47 | 71 | -34% | -34% | |
| omeprazole | 30 | 39 | -23% | -22% | |
| Nootropil® | 29 | 31 | -6% | -5% | |
| Andere | 329 | 378 | -13% | -12% | |
| Totaal netto-omzet | 1 466 | 1 527 | -4% | -2% |
De netto-omzet bedroeg € 1 466 miljoen, 4% lager dan in de eerste zes maanden van 2012, of 2% indien gezuiverd van productafstotingen.
Kernproducten
- Cimzia® (certolizumab pegol), voor matige tot ernstige reumatoïde artritis (RA) en de ziekte van Crohn (CD), haalde een nettoverkoop van € 272 miljoen, een toename van € 63 miljoen of 30% meer dan in de eerste helft van 2012.
- Vimpat® (lacosamide), voor epilepsie, als aanvullende therapie voor de behandeling van gedeeltelijke aanvallen, behaalde een netto-omzet van € 185 miljoen, een stijging van 23% ten opzichte van de eerste helft van 2012.
- Neupro® (rotigotine), voor de ziekte van Parkinson (PD) en het rustelozebenensyndroom (RLS), bereikte een netto-omzet die steeg met 48% tot € 80 miljoen, vooral gedreven door de introductie in de Verenigde Staten (juli 2012).
Andere producten
• Keppra® (levetiracetam), voor epilepsie, haalde een netto-omzet van € 361 miljoen (waarvan € 35 miljoen voor Keppra® XR), 19% minder dan vorig jaar. De aanhoudende post-exclusiviteitserosie-effecten in Europa (-35%) en de stabiele toestand in Noord-Amerika (-3%; -2% bij constante wisselkoersen) werd ten dele gecompenseerd door de sterke groei in de opkomende markten (+39%).
Netto-omzet – S1 2013 - € 1 466 miljoen Netto-omzet – S1 2012 - € 1 527 miljoen
- Zyrtec® (cetirizine, inclusief Zyrtec®-D/Cirrus®), voor allergie, kende een daling van de netto-omzet met 12% tot € 133 miljoen als gevolg van de generische concurrentie.
- Xyzal® (levocetirizine), voor allergie, haalde een nettoomzet van € 47 miljoen, een daling met 34% ten opzichte van 2012, vooral als gevolg van de generische concurrentie.
- omeprazole, een generisch product tegen hyperaciditeit, behaalde een netto-omzet van € 30 miljoen, een daling van 23% ten opzichte van vorig jaar.
- Nootropil® (piracetam), voor cognitieve stoornissen, zag zijn netto-omzet met 6% dalen, van € 31 miljoen naar € 29 miljoen.
- Andere producten: de netto-omzet voor andere producten daalde met 13% tot € 329 miljoen. Gezuiverd van productafstotingen zou de daling 6% hebben bedragen.
2. Netto-omzet per geografische zone
| € miljoen | Actueel juni Verschil |
Verschil | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | Actuele wisselkoersen € miljoen |
% | Constante wisselkoersen € miljoen |
% | |
| Netto-omzet Noord-Amerika | 580 | 538 | 41 | 8% | 49 | 9% |
| Kernproducten | ||||||
| Cimzia® | 174 | 145 | 29 | 20% | 32 | 22% |
| Vimpat® | 139 | 110 | 29 | 26% | 31 | 28% |
| Neupro® | 16 | 0 | 16 | n.s. | 16 | n.s. |
| Andere producten | ||||||
| Keppra® (inclusief Keppra® XR) | 112 | 115 | -4 | -3% | -2 | -2% |
| Metadate™ CD | 18 | 38 | -19 | -51% | -19 | -51% |
| Tussionex™ | 17 | 16 | 1 | 4% | 1 | 5% |
| venlafaxine XR | 14 | 13 | 1 | 5% | 1 | 7% |
| Andere | 89 | 101 | -11 | -11% | -10 | -10% |
| Netto-omzet Europa | 567 | 670 | -104 | -15% | -102 | -15% |
| Kernproducten | ||||||
| Cimzia® | 78 | 58 | 19 | 33% | 19 | 33% |
| Vimpat® | 42 | 37 | 5 | 15% | 5 | 15% |
| Neupro® | 60 | 53 | 7 | 14% | 8 | 14% |
| Andere producten | ||||||
| Keppra® | 162 | 250 | -88 | -35% | -87 | -35% |
| Zyrtec® (inclusief Cirrus® ) |
37 | 34 | 2 | 6% | 2 | 6% |
| Xyzal® | 25 | 31 | -6 | -20% | -6 | -20% |
| Nootropil® | 14 | 17 | -3 | -19% | -3 | -19% |
| Atmadisc® | 10 | 33 | -22 | -68% | -22 | -68% |
| Andere | 140 | 157 | -18 | -11% | -17 | -11% |
| Netto-omzet Japan | 107 | 152 | -45 | -30% | -25 | -16% |
| Kernproducten | ||||||
| Cimzia® | 8 | 0 | 8 | n.s. | 9 | n.s. |
| Neupro® | 2 | 0 | 2 | n.s. | 2 | n.s. |
| Andere producten | ||||||
| Zyrtec® | 61 | 93 | -32 | -35% | -19 | -21% |
| Xyzal® | 10 | 29 | -19 | -65% | -18 | -64% |
| E Keppra® | 26 | 31 | -4 | -13% | 2 | 5% |
| Andere | 0 | 0 | 0 | -10% | 0 | -9% |
| Netto-omzet opkomende markten BRICMT | 164 | 122 | 42 | 35% | 44 | 36% |
| Kernproducten | ||||||
| Cimzia® | 3 | 1 | 2 | >100% | 2 | >100% |
| Vimpat® | 2 | 1 | 1 | 50% | 0 | 46% |
| Neupro® | 1 | 1 | 0 | 58% | 0 | 53% |
| Andere producten | ||||||
| Keppra® | 40 | 28 | 11 | 39% | 11 | 39% |
| Zyrtec® | 25 | 14 | 12 | 87% | 12 | 92% |
| Xyzal® | 10 | 9 | 1 | 6% | 1 | 7% |
| Andere | 83 | 68 | 15 | 23% | 15 | 22% |
Noord Amerika: VS en Canada
Europa: Albanië, België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk (inclusief Franse gebieden), Griekenland, Hongarije, Ierland, Ijsland, Italië, Letland, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovakije, Slovenië, Spanje, Tsjechische Republiek, VK, Zweden, Zwitserland en Vaticaanstad
Opkomende markten (BRICMT): Brazilië, Rusland, India, China, Mexico en Turkije
Verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie
| € miljoen | Actueel juni | Verschil Actuele wisselkoersen |
Verschil Constante wisselkoersen |
|||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | € miljoen | % | € miljoen | % | |
| Netto-omzet rest van de wereld | 53 | 46 | 7 | 15% | 9 | 20% |
| Kernproducten | ||||||
| Cimzia® | 9 | 5 | 5 | >100% | 5 | >100% |
| Vimpat® | 2 | 2 | 0 | 14% | 0 | 16% |
| Neupro® | 1 | 1 | 0 | 25% | 0 | 26% |
| Andere producten | ||||||
| Keppra® | 22 | 20 | 1 | 6% | 1 | 6% |
| Zyrtec® (inclusief Cirrus® ) |
5 | 6 | -1 | -9% | -1 | -9% |
| Xyzal® | 2 | 2 | 0 | 29% | 0 | 27% |
| Andere | 11 | 11 | 1 | 5% | 2 | 23% |
| Niet toegewezen | -4 | -1 | ||||
| Totaal netto-omzet | 1 466 | 1 527 | -61 | -4% | -29 | -2% |
De door UCB gerapporteerde netto-omzet in Noord-Amerika bedroeg € 580 miljoen in de eerste zes maanden van 2013, een stijging met 8% ten opzichte van het jaar voordien. Tegen constante wisselkoersen zou deze stijging 9% bedragen. Cimzia® , voor patiënten die lijden aan de ziekte van Crohn (CD) en reumatoïde artritis (RA), behaalde een netto-omzet van € 174 miljoen, tegenover € 145 miljoen in de eerste zes maanden van vorig jaar. Het epilepsiemiddel Vimpat® , verkrijgbaar als aanvullende therapie voor de behandeling van aanvallen met gedeeltelijk begin, behaalde in de eerste helft van 2013 een netto-omzet van € 139 miljoen, een stijging met € 26%. Neupro® , voor de behandeling van de ziekte van Parkinson (PD) en het rustelozebenensyndroom (RLS), werd in de tweede helft van 2012 gelanceerd in de VS. In de eerste helft van 2013 haalde Neupro® een netto-omzet van € 16 miljoen. De franchise voor Keppra® daalde in de eerste helft van 2013 tot € 112 miljoen, een daling met 3% op jaarbasis. De netto-verkoop van Metadate™ CD bedroeg € 18 miljoen, een daling met 51% als gevolg van de generische concurrentie. De netto-omzet van de andere producten in deze regio klokte af op € 89 miljoen, een daling met 11%.
In Europa klokte de netto-omzet in het eerste semester van 2013 af op € 567 miljoen, een daling met 15% ten opzichte van vorig jaar. De netto-omzet van Cimzia® steeg van € 58 miljoen tot € 78 miljoen, plus 33%. De bijdrage van het anti-epilepticum Vimpat® aan de nettoomzet bedroeg € 42 miljoen, plus 15%. Neupro® voor de behandeling van de ziekte van Parkinson (PD) en het
rustelozebenensyndroom (RLS) haalde een netto-omzet van € 60 miljoen, een stijging van 14% ten opzichte van het voorgaande jaar. De netto-omzet van Keppra® bedroeg € 162 miljoen, een daling van 35% tegenover dezelfde periode vorig jaar vanwege de generische concurrentie. Het allergiegeneesmiddel Zyrtec® bereikte een netto-verkoop van € 37 miljoen (+6%) terwijl Xyzal® door de verdere generische concurrentie en het allergie seizoen met 20% daalde tot € 25 miljoen. De overige producten droegen tot de Europese netto-omzet bij voor € 164 miljoen, een vermindering met 21% ten opzichte van vorig jaar, vooral toe te schrijven aan het afstoten van producten.
In Japan werd een netto-omzet gerealiseerd van € 107 miljoen, na de € 152 van de eerste helft van 2012 een daling met 30%. Bij constante wisselkoersen zou deze daling 16% hebben bedragen. De prestatie werd beïnvloed door de voortgezette generische erosie van Zyrtec ® en het allergie seizoen. Zonder allergie vertoont Japan een groei van 42% bij constante wisselkoersen, dankzij E Keppra® , de recente lanceringen van Cimzia® en Neupro® .
De gecombineerde netto-omzet van de opkomende en overige markten haalde € 217 miljoen, na de € 168 miljoen in de eerste helft een toename met 29%, vooral gestuwd door Keppra® en de allergiefranchise, terwijl Cimzia® , Vimpat® and Neupro® in andere landen in deze regio worden gelanceerd.
Netto-omzet – S1 2013 - € 1 466 miljoen Netto-omzet – S1 2012 - € 1 527 miljoen
3. Royaltyinkomsten en -vergoedingen
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | Verschil % | Verschil % | |
| Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|||
| Biotechnologisch IE | 42 | 41 | 3% | 6% |
| Toviaz® | 14 | 21 | -33% | -33% |
| Zyrtec® VS | 10 | 10 | -4% | -2% |
| Andere | 19 | 11 | 65% | 68% |
| Royaltyinkomsten en -vergoedingen | 85 | 83 | 2% | 4% |
De royaltyinkomsten en -vergoedingen voor de eerste helft van 2013 bedroegen € 85 miljoen, een stijging met € 2 miljoen of 2% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. De royalty's op intellectuele eigendom (IE) in biotechnologie bleven stabiel, terwijl de door Pfizer betaalde royalty's voor Toviaz® (fesoterodine), voor de
behandeling van een overactieve blaas, met 33% terugliepen tot € 14 miljoen. De in de VS ontvangen royalty's voor Zyrtec® bij de verkoop zonder voorschrift bleven stabiel en bedroegen € 10 miljoen. De overige royaltyinkomsten stegen met € 8 miljoen of 65%.
4. Overige opbrengsten
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|
| Omzet uit contractproductie | 45 | 45 | 1% | 2% |
| Provas™ en overige winstdeling | 16 | 13 | 21% | 21% |
| Astellas (Cimzia® ) / Otsuka (E Keppra® , Neupro® ) |
28 | 25 | 13% | 27% |
| Andere | 17 | 12 | 28% | 28% |
| Overige opbrengsten | 106 | 95 | 11% | 15% |
De overige opbrengsten voor de eerste helft van 2013 bedroegen € 106 miljoen, een stijging van 11%. De omzet uit contractproductie, grotendeels het resultaat van de akkoorden met GSK die in 2009 werden bekendgemaakt, bleven stabiel op € 45 miljoen. De winstdelingsovereenkomst met Novartis voor Provas™,
Jalra® en Icandra® in Duitsland vertegenwoordigt € 16 miljoen, een stijging met 21%. Na de lancering van Cimzia® en Neupro® in Japan werden mijlpaalbetalingen ontvangen voor € 28 miljoen (+13%). Andere omvatten de vooruitbetaling van R-Pharm voor olokizumab.
5. Brutowinst
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | Actuele | Constante | |
| wisselkoersen | wisselkoersen | |||
| Opbrengsten | 1 657 | 1 706 | -3% | -1% |
| Netto-omzet | 1 466 | 1 527 | -4% | -2% |
| Royaltyinkomsten | 85 | 83 | 2% | 4% |
| Overige opbrengsten | 106 | 95 | 11% | 15% |
| Kostprijs van de omzet | -522 | -523 | 0% | 1% |
| Kostprijs van de omzet voor producten en diensten | -372 | -386 | -4% | -3% |
| Royaltylasten | -72 | -61 | 19% | 20% |
| Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van immateriële activa |
-78 | -75 | 4% | 5% |
| Brutowinst | 1 135 | 1 183 | -4% | -1% |
| Waarvan | ||||
| Producten en diensten | 1 200 | 1 236 | -3% | 0% |
| Netto-royaltyinkomsten | 13 | 23 | -43% | -39% |
| Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van immateriële activa |
-78 | -75 | 4% | 5% |
De brutowinst van € 1 135 miljoen ligt 4% lager dan in de eerste helft van 2012 als gevolg van de daling van de netto-omzet.
De kostprijs van de omzet bestaat uit drie componenten: de kostprijs van de omzet voor producten en diensten, de royaltylasten en de afschrijvingen van aan de omzet gekoppelde immateriële activa:
- de kostprijs van de omzet voor producten en diensten daalde met € 14 miljoen van € 386 miljoen in 2012 tot € 372 miljoen in 2013, als gevolg van de lagere verkoop en de productmix;
- de royaltylasten stegen van € 61 miljoen in 2012 tot € 72 miljoen in 2013 als gevolg van de hogere royalty's op de kernproducten Cimzia® en Vimpat® .
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | Actuele | Constante | ||
| wisselkoersen | wisselkoersen | ||||
| Biotechnologisch IE | -21 | -15 | 46% | 51% | |
| Andere | -51 | -46 | 10% | 11% | |
| Royaltylasten | -72 | -61 | 19% | 20% |
• Afschrijving van de aan omzet gekoppelde immateriële activa: UCB heeft op zijn balans een aanzienlijk bedrag aan immateriële activa staan, die verband houden met de overname van Celltech en Schwarz Pharma (lopend onderzoek en ontwikkeling, productie van kennis, royaltystromen,
handelsbenamingen enz.). De afschrijvingskosten van de immateriële activa waarvoor al producten zijn gelanceerd, zijn in de eerste helft van 2013 goed voor € 78 miljoen, € 3 miljoen meer dan in dezelfde periode van 2012.
6. Recurrente EBIT en recurrente EBITDA
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
||
| Opbrengsten | 1 657 | 1 706 | -3% | -1% | |
| Netto-omzet | 1 466 | 1 527 | -4% | -2% | |
| Royaltyinkomsten en -vergoedingen | 85 | 83 | 2% | 4% | |
| Overige opbrengsten | 106 | 95 | 11% | 15% | |
| Brutowinst | 1 135 | 1 183 | -4% | -1% | |
| Marketing- en verkoopkosten | -413 | -440 | -6% | -3% | |
| Onderzoeks- en ontwikkelingskosten | -424 | -405 | 5% | 7% | |
| Algemene kosten en administratiekosten | -107 | -94 | 13% | 14% | |
| Overige bedrijfsbaten/lasten(-) | 3 | -3 | >-100% | >-100% | |
| Totale operationele lasten | -941 | -956 | 0% | 2% |
Verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie
| Recurrente EBIT (REBIT) | 194 | 241 | -20% | -15% |
|---|---|---|---|---|
| Plus: Afschrijving van immateriële activa | 93 | 88 | 7% | 8% |
| Plus: Afschrijvingslasten | 31 | 32 | -2% | 0% |
| Recurrente EBITDA (REBITDA) | 319 | 361 | -12% | -8% |
De operationele lasten, die marketing- en verkoopkosten, onderzoeks- en ontwikkelingskosten, algemene en administratiekosten en overige bedrijfsopbrengsten/-kosten omvatten, bedroegen in de eerste helft van 2013 € 941 miljoen, iets meer dan in dezelfde periode van het vorige jaar, en zijn vooral het gevolg van:
- € 27 miljoen lagere marketing- en verkoopkosten aangezien er vorig jaar meer introductieactiviteiten plaatsvonden;
- € 19 miljoen meer onderzoeks-en ontwikkelingskosten ten gevolge van een ver gevorderde pijplijn die zich in de laatste fase van het klinische ontwikkelingsproces bevindt;
- 13 miljoen meer algemene en administratieve kosten als gevolg van de verdere expansie in de opkomende markten en IT-investeringen;
.
• € 6 miljoen lagere overige bedrijfsbaten/lasten (-) vooral door overheidsfinancieringen.
De recurrente EBIT is gedaald met 20% tot € 194 miljoen als gevolg van de lagere opbrengsten, gecompenseerd door lagere hogere operationele lasten.
- De afschrijving van immateriële activa steeg van € 88 miljoen tot € 94 miljoen.
- De afschrijvingslasten bleven stabiel op € 31 miljoen.
De recurrente EBITDA daalde met 12% tot € 319 miljoen, een daling met € 42 miljoen in vergelijking met 2012. Dit weerspiegelt de hoge onderzoeks- en ontwikkelingsuitgaven en de generische erosie van Keppra® en andere producten
7. Nettowinst, aangepaste nettowinst en kernopbrengsten
| € miljoen | Actueel juni | Verschil % | ||
|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|
| Recurrente EBIT | 194 | 241 | -20% | -15% |
| Kosten van bijzondere waardeverminderingen | -8 | -1 | >100% | >100% |
| Reorganisatiekosten | -11 | -12 | -5% | -4% |
| Nettowinst op afstotingen | 8 | 0 | >-100% | >-100% |
| Overige niet-recurrente baten/lasten(-) | -8 | -1 | >100% | >100% |
| Totale niet-recurrente baten/lasten (-) | -19 | -14 | 27% | 30% |
| EBIT (operationele winst) | 175 | 227 | -23% | -18% |
| Netto financiële lasten | -69 | -76 | -9% | -8% |
| Winst vóór winstbelastingen | 106 | 151 | -30% | -22% |
| Winstbelastingen (-)/tegoeden | -22 | -16 | 38% | 52% |
| Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 84 | 135 | -38% | -31% |
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 3 | 2 | 69% | 69% |
| Nettowinst na minderheidsbelangen | 87 | 137 | -36% | -30% |
| Nettowinst toerekenbaar aan de UCB aandeelhouders | 92 | 137 | -33% | -30% |
| Eenmalige financiële en andere posten na belastingen | 16 | 4 | >100% | >100% |
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -3 | -2 | 69% | 69% |
| Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van immateriële activa |
78 | 75 | 4% | 5% |
| Belastingen op afschrijvingen van immateriële activa | -21 | -21 | 0% | 1% |
| Kern-nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB |
163 | 194 | -16% | -13% |
| Gewogen gemiddelde aantal aandelen (miljoen) | 182 | 179 | 2% | n.s. |
| Kern-WPA toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB | 0,90 | 1,09 | -17% | -15% |
Totale niet-recurrente baten / lasten (-) bedroegen € 19 miljoen kosten vóór belastingen, waaronder € 8 miljoen waardeverminderingen vooral voor CMC544 (een ontwikkelingsproject in oncologie in licentie gegeven De niet-recurrente kosten op 30 juni 2012 bevatten € 1 miljoen waardeverminderingen en € 12 miljoen afvloeiingskosten.
De netto financiële lasten bedroegen EUR 69 miljoen tegenover € 76 miljoen in 2012, een daling van bijna € 8 miljoen die voortvloeit uit het eenmalige verlies op de schuldaflossing met betrekking tot de converteerbare obligatie in 2012.
Het gemiddelde belastingtarief op recurrente activiteiten bleef tegenover dezelfde periode vorig jaar stabiel op 20%. Een provisieterugneming ten gevolge van een gunstige verduidelijking van de fiscale autoriteiten in verband met de beschikbaarheid van de belastingvrijstelling op de betaling van niet-uitgekeerde reserves daalde de verwachte belastingvoet voor 2013 terwijl het percentage vorig jaar profiteerde van de vermindering van aanslagvoeten, de verdere boeking van uitgestelde belastingvorderingen en terugnemingen van provisies
aan Pfizer), € 11 miljoen afvloeiingskosten, € 8 miljoen winst op de verkoop van immateriële activa en € 8 miljoen andere kosten, vooral proceskosten.
De nettowinst na minderheidsbelangen voor het eerste halfjaar bedroeg € 87 miljoen, d.w.z. € 50 miljoen lager dan het jaar voordien.
De nettowinst die kan worden toegekend aan UCBaandeelhouders, aangepast voor de impact na belasting van niet-recurrente posten, financiële eenmalige posten, de bijdrage na belasting van niet-voorgezette activiteiten, en de netto-afschrijving die verbonden is met verkopen, leidt tot een kern-nettowinst van € 163 miljoen, 16% minder dan in juni 2012.
De kern-WPA, de weerspiegeling van de netto-effecten van niet-recurrente posten, éénmalige financiële gebeurtenissen en de afschrijving van immateriële activa, daalde van € 1,09 in juni 2012 tot € 0,90 eind juni 2013, op basis van een gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen van 181,9 miljoen (juni 2012: 179,1 miljoen).
8. Balans (zie verkorte geconsolideerd balans hierna)
De immateriële activa daalde met € 25 miljoen van € 1 488 miljoen op 31 december 2012 tot € 1 463 miljoen op 30 juni 2013. Dit bedrag bevat de toevoeging van immateriële activa met betrekking tot mijlpaalbetalingen die via samenwerkingsovereenkomsten en licentieovereenkomsten ontvangen zijn (€ 57 miljoen), de activering van ontwikkelingskosten van software (€ 10 miljoen), de lopende afschrijving van immateriële activa (€ 94 miljoen) die hoofdzakelijk verband houden met de overname van Celltech in 2004 en Schwarz Pharma in 2006 en de impact van de stijging van de Amerikaanse dollar en de daling van het Britse pond.
Een daling van de goodwill met € 7 miljoen tot € 4 815 miljoen tussen 31 december 2012 en 30 juni 2013 reflecteert de impact van de stijging van de Amerikaanse dollar en de daling van het Britse pond.
De overige vaste activa stegen met € 78 miljoen, van € 1 239 miljoen naar € 1 317 miljoen, hoofdzakelijk door de materiële activa en uitgestelde belastingvorderingen.
De toename van de vlottende activa van € 1 822 miljoen op 31 december 2012 tot € 1 963 miljoen op 30 juni 2013 is het gevolg van een stijging van de handelsvorderingen, een grotere voorraad en meer liquiditeiten.
Het eigen vermogen van UCB, € 4 497 miljoen, vertegenwoordigt 47% van het balanstotaal en daalde met € 96 miljoen tussen 31 december 2012 en 30 juni 2013. De belangrijkste wijzigingen vloeien voort uit de nettowinst na minderheidsbelangen (€ 87 miljoen) en dividenduitkeringen (€ -193 miljoen).
De stijging van langlopende schulden van € 2 956 miljoen tot € 3 256 vloeit voort uit een toename van de leningen, deels gecompenseerd door lagere provisies.
De daling van de kortlopende schulden van € 1 808 miljoen tot € 1 805 miljoen is vooral het gevolg van een stijging van de kortetermijnleningen, gecompenseerd door lagere handels- en andere schulden.
De netto-schuld van € 2 096 miljoen, een toename van € 330 miljoen ten opzichte van € 1 766 miljoen eind december 2012, reflecteert de dividenduitkering na de resultaten van 2012 en de dividenduitkering met betrekking tot de eeuwigdurende achtergestelde obligatie, de verdere investering in materiële en immateriële activa, gecompenseerd door de onderliggende netto-rentabiliteit.
9. Kasstroomoverzicht (zie kasstroomoverzicht hierna)
De evolutie van door de biofarmaceutische activiteiten gegenereerde kasstromen wordt beïnvloed door de volgende elementen:
- De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten bedroeg € 32 miljoen in de eerste helft van 2013 tegenover € 221 miljoen in dezelfde periode van 2012. Dit is het gevolg van hogere handelsvorderingen, een hogere voorraad en lagere handelsschulden.
- De kasstroom uit investeringsactiviteiten vertoont een uitstroom van € 173 miljoen in de eerste zes maanden van 2013 ten opzichte van € 147 miljoen in de overeenkomstige periode van 2012 als gevolg van
de gestegen uitgaven aan materiële en immateriële activa, gecompenseerd door verkoop van materiële vaste activa.
• De kasstroom uit financieringsactiviteiten kende een instroom van € 192 miljoen in vergelijking met een uitstroom van € 28 miljoen in de eerste helft van 2012. Dit is het gevolg van de uitgifte van de particuliere obligatie en de tweede schijf van de Europese Investeringsbank, gecompenseerd door het dividend uitgekeerd aan de UCB-aandeelhouders en de aandeelhouders van de eeuwigdurende achtergestelde obligatie.
10.Risico's
In overeenstemming met artikel 13 § 5 van het Belgische koninklijk besluit van 14 november 2007 stelt UCB dat de fundamentele risico's waarmee de Vennootschap wordt geconfronteerd, in wezen ongewijzigd zijn gebleven in vergelijking met deze die worden beschreven op de
11.Vooruitzichten voor 2013
UCB verwacht dat de financiële resultaten van 2013 bepaald zullen worden door de gestage groei van Cimzia® , Vimpat® , Neupro® en de opkomende markten, gedeeltelijk gecompenseerd door de post-exclusiviteit erosie van Keppra® .
De omzet voor 2013 wordt verwacht ongeveer € 3.4 miljard te bereiken.
pagina's 73-78 in het jaarverslag van 2012. De Raad van Bestuur en de 'chief operating decision makers', zijnde het Uitvoerend Comité, evalueren regelmatig de door UCB gelopen bedrijfsrisico's.
Recurrente EBITDA wordt ongeveer verwacht tussen € 680 en € 710 miljoen.
De kernwinst per aandeel wordt verwacht tussen € 1.90 – 2.05 gebaseerd op 179,3 miljoen uitstaande aandelen.
Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening
| Toelichting Voor zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2013 Beperkt nazicht |
2012 Herwerkt1 |
|---|---|---|
| Voortgezette bedrijfsactiviteiten | ||
| Netto-omzet 6 |
1 466 | 1 527 |
| Royaltyinkomsten | 85 | 83 |
| Overige opbrengsten | 106 | 95 |
| Opbrengsten | 1 657 | 1 706 |
| Kostprijs van de omzet | -522 | -523 |
| Brutowinst | 1 135 | 1 183 |
| Marketing- en verkoopkosten | -413 | -440 |
| Onderzoeks- en ontwikkelingskosten | -424 | -405 |
| Algemene kosten en administratiekosten | -107 | -94 |
| Overige bedrijfsbaten/lasten(-) 9 |
3 | -3 |
| Operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van activa, | 194 | 241 |
| reorganisatiekosten en overige bedrijfsbaten en –lasten | ||
| Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa 10 |
-8 | -1 |
| Reorganisatiekosten 11 |
-11 | -12 |
| Overige baten/ lasten (-) 12 |
0 | -1 |
| Operationele winst | 175 | 227 |
| Financiële inkomsten 13 |
32 | 37 |
| Financieringskosten 13 |
-101 | -113 |
| Winst/verlies (-) vóór belastingen | 106 | 151 |
| Winstbelastingen (-)/ inkomsten 14 |
-22 | -16 |
| Winst/verlies (-) uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 84 | 135 |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | ||
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 15 |
3 | 2 |
| Winst van de periode | 87 | 137 |
| Toerekenbaar aan de aandeelhouders van UCB N.V. | 92 | 137 |
| Toerekenbaar aan de minderheidsbelangen | -5 | 0 |
| Winst per aandeel toe te kennen aan de aandeelhouders van UCB N.V. | ||
| Gewone winst per aandeel (€) 2 | ||
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 0,49 | 0,76 |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 0,01 | 0,01 |
| Totale gewone winst per aandeel | 0,51 | 0,77 |
| Verwaterde winst per aandeel (€) 3 | ||
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 0,50 | 0,70 |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 0,01 | 0,01 |
| Totale verwaterde winst per aandeel | 0,51 | 0,71 |
1 Herwerkt voor onderzoeks- en ontwikkelings belastingkredieten, voordien geboekt als winsttegoeden, worden nu geboekt onder onderzoeks- en ontwikkelingskosten.
2 Het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen tijdens de tussentijdse periode bedraagt voor de berekening van de gewone winst per aandeel 181 899 163 (2012: 179 079 006).
3 Het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen tijdens de tussentijdse periode bedraagt voor de berekening van de verwaterde winst per aandeel 192 997 083 (2012: 197 647 358).
Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en nietgerealiseerde resultaten
| 2013 | 2012 | |
|---|---|---|
| Voor zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
Beperkt nazicht | Herwerkt |
| Winst van de periode | 87 | 137 |
| Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | ||
| Items toegewezen aan de winst- en verliesrekening in toekomstige perioden | ||
| Nettowinst/-verlies(-) op de voor verkoop beschikbare investeringen | -2 | -3 |
| Wisselkoersverschillen op omzetting van buitenlandse activiteiten | -15 | 5 |
| Effectief gedeelte van winst/verlies(-) op kasstroomafdekkingen | 13 | -4 |
| Nettowinst/-verlies(-) op afdekking van netto-investeringen in buitenlandse activiteiten |
0 | 0 |
| Winstbelasting met betrekking tot de onderdelen van de andere | 0 | 0 |
| gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten toegewezen aan de winst-en | ||
| verliesrekening in toekomstige perioden | ||
| Items niet toegewezen aan de winst- en verliesrekening in toekomstige perioden |
||
| Herwaardering van de toegezegde pensioenregelingen | -24 | -18 |
| Winstbelasting met betrekking tot de onderdelen van de andere | 3 | 4 |
| gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten niet toegewezen aan de | ||
| winst-en verliesrekening in toekomstige perioden | ||
| -25 | -16 | |
| Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, winst/verlies(-), | ||
| voor de periode na belastingen | ||
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode, | 62 | 121 |
| na belastingen | ||
| Toerekenbaar aan de aandeelhouders van UCB N.V. | 62 | 121 |
| Toerekenbaar aan de minderheidsbelangen | 5 | 3 |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode, | 67 | 124 |
| na belastingen |
1 Restatement related to IAS19
Verkorte geconsolideerde balans
| € miljoen Toelichting |
30 juni 2013 | 31 Dec. 2012 Herwerkt1 |
|---|---|---|
| Activa | Beperkt nazicht | |
| Vaste activa | ||
| 16 Immateriële activa |
1 463 | 1 488 |
| 17 Goodwill |
4 815 | 4 808 |
| 18 Materiële vaste activa |
665 | 602 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 536 | 505 |
| Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële elementen) 19 |
116 | 132 |
| Totaal vaste activa | 7 595 | 7 535 |
| Vlottende activa | ||
| 20 Voorraden |
647 | 616 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 897 | 835 |
| Te ontvangen belastingen | 3 | 13 |
| Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële elementen) | 47 | 40 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 368 | 318 |
| 1 962 | 1 822 | |
| Activa die worden afgestoten, geclassificeerd als aangehouden voor verkoop |
1 | 0 |
| Totaal vlottende activa | 1 963 | 1 822 |
| Totale activa | 9 558 | 9 357 |
| Eigen vermogen en verplichtingen | ||
| Eigen vermogen | ||
| Geplaatst kapitaal en reserves toerekenbaar aan aandeelhouders van | ||
| UCB 21, 22 |
4 496 | 4 587 |
| Minderheidsbelangen | 1 | 6 |
| Totaal eigen vermogen | 4 497 | 4 593 |
| Langlopende verplichtingen 23 |
296 | 193 |
| Leningen 24 |
1 938 | 1 697 |
| Obligaties | 36 | 39 |
| Andere financiële verplichtingen (inclusief afgeleide financiële | ||
| instrumenten) | 116 | 123 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 319 | 290 |
| Personeelsbeloningen 26 |
371 | 435 |
| Voorzieningen | 180 | 179 |
| Handels- en overige verplichtingen Totaal langlopende verplichtingen |
3 256 | 2 956 |
| Kortlopende verplichtingen | ||
| 23 Leningen |
232 | 197 |
| Andere financiële verplichtingen (inclusief afgeleide financiële | 233 | 200 |
| instrumenten) | ||
| 26 Voorzieningen |
58 | 51 |
| Handels- en overige verplichtingen | 1 176 | 1 295 |
| Te betalen belastingen | 106 | 65 |
| Verplichtingen die worden afgestoten, geclassifieerd als | 1 805 0 |
1 808 0 |
| aangehouden voor verkoop | ||
| Totaal kortlopende verplichtingen | 1 805 | 1 808 |
| Totale verplichtingen | 5 061 | 4 764 |
| Total eigen vermogen en verplichtingen | 9 558 | 9 357 |
1 Herwerkt voor IAS 19 en de Meizler Biopharma bedrijfscombinatie
Verkort geconsolideerd kasstroomoverzicht
| Voor zes maanden, eindigend op 30 juni | Toelichting | 2013 Beperkt |
2012 |
|---|---|---|---|
| € miljoen | nazicht | Herwerkt1 | |
| Winst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V. | 92 | 137 | |
| Minderheidsbelangen | -5 | 0 | |
| Aanpassing voor winst(-)/verlies uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -3 | -2 | |
| Aanpassing voor niet-geldelijke transacties | 27 | 162 | 8 |
| Aanpassing voor het vermelden van afzonderlijke elementen betreffende | 27 | ||
| de kasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 22 | 16 | |
| Aanpassing voor het vermelden van afzonderlijke elementen betreffende | 27 | ||
| de kasstromen uit investerings- en financieringsactiviteiten | 52 | 67 | |
| Wijziging in werkkapitaal | 27 | -250 | 91 |
| Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 70 | 317 | |
| Betaalde belastingen gedurende de periode | -38 | -96 | |
| Netto kasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 32 | 221 | |
| Verwerving van immateriële activa | -67 | -30 | |
| Verwerving van materiële vaste activa | -118 | -53 | |
| Verwerving van dochterondernemingen, na aftrek van verworven | |||
| geldmiddelen | 0 | -66 | |
| Verwerving van overige investeringen | -1 | -1 | |
| Subtotaal verwervingen | -186 | -150 | |
| Ontvangsten uit verkoop van immateriële vaste activa | 0 | 1 | |
| Ontvangsten uit verkoop van materiële vaste activa | 12 | 0 | |
| Ontvangsten uit verkoop van bedrijfsactiviteiten, na aftrek van overgedragen | |||
| geldmiddelen | 0 | 0 | |
| Ontvangsten uit de verkoop van andere investeringen | 1 | 2 | |
| Ontvangen dividenden | 0 | 0 | |
| Subtotaal ontvangsten | 13 | 3 | |
| Netto kasstromen uit investeringsactiviteiten | -173 | -147 | |
| Ontvangsten uit kapitaalsuitgifte Ontvangsten uit uitgifte van obligaties |
3 249 |
0 0 |
|
| Terugkoop van obligaties (-) | 0 | -82 | |
| Ontvangsten uit leningen Terugbetaling van leningen (-) |
461 | 558 | |
| Terugbetaling van verplichtingen uit hoofde van financiële | -325 | -260 | |
| leasingovereenkomsten | |||
| Inkoop / uitgifte van eigen aandelen | -1 42 |
-1 -5 |
|
| Uitgekeerde dividenden aan UCB aandeelhouders, na aftrek van dividenden | |||
| betaald op eigen aandelen | -205 | -201 | |
| Ontvangen rente | 13 | 23 | |
| Betaalde rente | -45 | -60 | |
| Netto kasstromen uit financieringsactiviteiten | 192 | -28 | |
| Kasstromen uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -2 | 0 | |
| Netto toename / afnamen (-) van geldmiddelen en kasequivalenten | 49 | 46 | |
| Netto geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van de periode | 308 | 253 | |
| Effect van wisselkoersschommelingen | -1 | 0 | |
| Netto geldmiddelen en kasequivalenten aan het einde van de periode | 356 | 299 | |
| Waarvan geldmiddelen en kasequivalenten Waarvan bankvoorschotten |
368 -12 |
315 -16 |
1 Herwerkt voor onderzoeks- en ontwikkelings belastingkredieten, voordien geboekt als winsttegoeden, worden nu geboekt onder onderzoeks- en ontwikkelingskosten.
Verkort geconsolideerd overzicht van de wijzigingen in het eigen vermogen
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V. | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| € miljoen | Aandelen kapitaal en uitgiftepremie |
Hybride kapitaal |
Ingekochte eigen aandelen |
Overgedragen resultaat |
Overige reserves |
Cumulatieve omrekenings verschillen |
Voor verkoop beschikbare investeringen |
Kasstroom afdekkingen |
Afdekking van netto investeringen |
Totaal | Minder heids belangen |
Totaal eigen vermogen |
| Balans per 1 januari 2013 (herwerkt) |
2 151 | 295 | -239 | 2 662 | 49 | -379 | -3 | -4 | 55 | 4 587 | 6 | 4 593 |
| Winst van de periode | 92 | 92 | -5 | 87 | ||||||||
| Overige gerealiseerde en niet | -21 | -15 | -2 | 13 | -25 | -25 | ||||||
| gerealiseerde (-) resultaten | ||||||||||||
| Totaal gerealiseerde en niet gerealiseerde resultaten |
92 | -21 | -15 | -2 | 13 | 67 | -5 | 62 | ||||
| Kapitaalsverhoging | 3 | 3 | 3 | |||||||||
| Dividenden | -182 | -182 | -182 | |||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 7 | 7 | 7 | |||||||||
| Overboeking tussen reserves | 17 | -17 | 0 | 0 | ||||||||
| Inkoop van eigen aandelen | 25 | 25 | 25 | |||||||||
| Dividend aan aandeelhouders van | 0 | 0 | ||||||||||
| eeuwigdurende achtergestelde | ||||||||||||
| obligaties | ||||||||||||
| Aandelencomponent van | 0 | 0 | ||||||||||
| converteerbare obligatie | ||||||||||||
| Dividenden | -11 | -11 | -11 | |||||||||
| Bedrijfscombinatie | 0 | 0 | ||||||||||
| Balans per 30 juni 2013(beperkt nazicht) |
2 154 | 295 | -197 | 2 551 | 28 | -394 | -5 | 9 | 55 | 4 496 | 1 | 4 497 |
| € miljoen | Aandelen kapitaal en uitgiftepremie |
Hybride kapitaal |
Ingekochte eigen aandelen |
Overgedragen resultaat |
Overige reserves |
Cumulatieve omrekenings verschillen |
Voor verkoop beschikbare investeringen |
Kasstroom afdekkingen |
Afdekking van netto investeringen |
Totaal | Minder heids belangen |
Totaal eigen vermogen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Balans per 1 januari 2012 (herwerkt) |
2 151 | 295 | -262 | 2 615 | 159 | -303 | -1 | -10 | 55 | 4 699 | 2 | 4 701 |
| Winst van de periode | 137 | 137 | 137 | |||||||||
| Overige gerealiseerde en niet | -14 | 5 | -3 | -4 | -16 | 3 | -13 | |||||
| gerealiseerde (-) resultaten | ||||||||||||
| Totaal gerealiseerde en niet gerealiseerde resultaten |
0 | 0 | 0 | 137 | -14 | 5 | -3 | -4 | 0 | 121 | 3 | 124 |
| Dividenden | -178 | -178 | -178 | |||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 6 | 6 | 6 | |||||||||
| Overboeking tussen reserves | 9 | -9 | 0 | 0 | ||||||||
| Inkoop van eigen aandelen | -13 | -13 | -13 | |||||||||
| Aandelencomponent gekoppeld aan de converteerbare obligatie |
-7 | -7 | -7 | |||||||||
| Put en call optie betreffende minderheidsbelangen |
-29 | -29 | -29 | |||||||||
| Dividend aan aandeelhouders van | -11 | -11 | -11 | |||||||||
| eeuwigdurende achtergestelde | ||||||||||||
| obligaties Bedrijfscombinatie |
0 | 7 | 7 | |||||||||
| Balans per 30 juni 2012 (beperkt nazicht) |
2 151 | 295 | -266 | 2 560 | 109 | -298 | -4 | -14 | 55 | 4 588 | 12 | 4 600 |
Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V.
Toelichting bij de verkorte geconsolideerde tussentijds financiële informatie
1. Algemene informatie
UCB N.V. (hierna 'UCB' of 'de Vennootschap') en haar dochterondernemingen (samen 'de Groep') vormen een wereldwijde biofarmaceutische onderneming die zich toespitst op ernstige ziekten in twee therapeutische gebieden, namelijk aandoeningen van het centraal zenuwstelsel en immunologie.
Deze verkorte geconsolideerde tussentijds financiële informatie van de Vennootschap voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2013 (hierna 'de tussentijdse periode') bevat de Vennootschap en haar dochterbedrijven.
UCB is een naamloze vennootschap die genoteerd is op de Euronext Brussels Stock Exchange, opgericht en
gevestigd in België. De hoofdzetel is gevestigd aan de Researchdreef 60 te B-1070 Brussel, België.
Dit verkort geconsolideerd tussentijds financieel verslag werd op 30 juli 2013 goedgekeurd voor publicatie door de Raad van Bestuur. Dit verkort geconsolideerd tussentijds financieel verslag werd beperkt nagezien, niet geauditeerd.
De geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor het jaar dat eindigde per 31 december 2012 is verkrijgbaar op UCB website.
2. Grondslag voor de opstelling
Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is opgesteld conform International Accounting Standard (IAS) 34 ('Tussentijdse financiële verslaggeving'), zoals goedgekeurd door de Europese Unie.
Dit tussentijds verslag bevat niet alle informatie die verplicht gerapporteerd moet worden in de volledige geconsolideerde jaarrekening en moet samen met de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2012 worden gelezen, die is opgesteld in overeenstemming met IFRS.
Dit geconsolideerd tussentijds financieel verslag is uitgedrukt in euro (€) en alle waarden zijn afgerond tot het dichtstbijzijnde miljoen, tenzij anders vermeld.
3. Grondslagen voor de verslaglegging
Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is opgesteld volgens dezelfde grondslagen voor de financiële verslaggeving als deze die gebruikt zijn bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep afgesloten per 31 december 2012.
In het huidige jaar heeft de Groep IFRS 13 aangenomen, zoals uitgegeven in mei 2011 en onderschreven door de Europese Unie in december 2012. The Groep heeft IFRS 13 vervroegd toegepast. De nieuwe standaard definieert reële waarde, stelt in één enkele IFRS een raamwerk op voor het meten van de reële waarde en zet uitgebreide toelichtings vereisten vast. De toepassing van IFRS 13 had geen materiële financiële impact op de Groep, hoewel meer gedetailleerde toelichtingen werden opgenomen.
Er zijn geen andere IFRS of IFRIC dat voor de eerste keer toepasbaar zijn in dit tussentijds verslag, die een materiële impact zouden kunnen hebben op de Groep.
De Groep heeft de optie genomen om het model van overheidssubsidies toe te passen vanaf 1 januari 2013, met als gevolg dat de onderzoeks- en ontwikkelings belastingkredieten, voordien geboekt als winst-tegoeden, worden nu geboekt onder onderzoeks- en ontwikkelingskosten en dat de 30 juni 2012 verkorte geconsolideerde tussentijdse winst- en verliesrekening werd herwerkt (€ 14 miljoen).
De toewijzing van de Meizler Biopharma aankoopprijs werd gefinaliseerd en gaf aanleiding tot een herwerking van de 2012 openingsbalans (zie toelichting 8).
4. Schattingen
De opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie vereist dat het management een oordeel vormt, schattingen en veronderstellingen maakt die een invloed hebben op de toepassing van de grondslagen voor de verslaglegging en op de gerapporteerde bedragen van activa en verplichtingen, opbrengsten en lasten.
Bij de opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie waren de belangrijke
5. Financieel risicobeheer
5.1.Financiële risicofactoren
De Groep is door haar activiteiten aan meerdere financiële risico's onderhevig: marktrisico (inclusief valutarisico, renterisico, prijsrisico), kredietrisico en liquiditeitsrisico. Dit verkort geconsolideerd financieel verslag bevat niet alle informatie over het financieel
5.2.Liquiditeitsrisico
In vergelijking met eind vorig jaar waren er geen wezenlijke wijzigingen in de contractuele nietverdisconteerde kasuitstromen voor financiële verplichtingen.
5.3.Schatting van reële waarde
Alle financiële instrumenten, die aan hun reële waarde gewaardeerd zijn, worden onderverdeeld in drie categorieën, die als volgt gedefinieerd zijn:
- Niveau 1 Genoteerde (niet aangepaste) prijzen op actieve markten voor identieke activa en verplichtingen;
- Niveau 2 Andere waarderingstechnieken waarvan alle inputs (behalve genoteerde prijzen) die een aanzienlijk effect hebben op de geboekte reële waarde, waarneembaar zijn, hetzij direct, hetzij indirect;
- Niveau 3 Waarderingsmethodes die inputs gebruiken die een aanzienlijk effect op de geboekte reële waarde
oordelen die het management heeft gevormd bij de toepassing van de door de Groep gehanteerde grondslagen voor financiële verslaglegging en de belangrijke bronnen van schattingsonzekerheden dezelfde als die welke van toepassing waren op de geconsolideerde financiële staten voor het jaar eindigend op 31 december 2012, met uitzondering van de wijzigingen in de schattingen die vereist zijn voor het bepalen van de voorziening voor winstbelasting.
risicobeheer en de informatieverschaffing die vereist is in de jaarrekening en dient samen met de jaarrekening van de Groep per 31 december 2012 gelezen te worden. Er waren geen wijzigingen in het Financial Risk Management Committee (FRMC).
hebben die niet op observeerbare marktgegevens zijn gebaseerd.
De onderstaande tabel geeft de financiële activa en passiva weer van de Groep, gemeten tegen de reële waarde op 30 juni 2013, en is gegroepeerd in overeenstemming met de reële waarde hiërachie.
Alle toegelichte reële waarde metingen zijn recurrente reële waarde metingen.
Als gevolg van de toepassing van IFRS 13, geeft de Groep de krediet en niet-performante risico's in de waarderingstechnieken weer, maar deze veranderingen hadden geen materiële impact op de waardering.
Financiële activa tegen reële waarde
| € miljoen - 30 juni 2013 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare activa | ||||
| Genoteerde aandelen | 20 | 0 | 0 | 20 |
| Genoteerde schuldinstrumenten | 2 | 0 | 0 | 2 |
| Afgeleide financiële activa | ||||
| Valutatermijncontracten - kasstroomafdekkingen | 0 | 6 | 0 | 6 |
| Termijncontracten - reële waarde via winst of verlies | 0 | 12 | 0 | 12 |
| Rentederivaten - kasstroomafdekkingen | 0 | 1 | 0 | 1 |
| Rentederivaten - reële waarde via winst of verlies | 0 | 4 | 0 | 4 |
| Calloptie voor de minderheidsbelangen | 0 | 0 | 4 | 4 |
Financiële passiva tegen reële waarde
| € miljoen - 30 juni 2013 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Afgeleide financiële passiva | ||||
| Valutatermijncontracten - kasstroomafdekkingen | 0 | 3 | 0 | 3 |
| Termijncontracten - reële waarde via winst of verlies | 0 | 37 | 0 | 37 |
| Rentederivaten - kasstroomafdekkingen | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Rentederivaten - reële waarde via winst of verlies | 0 | 13 | 0 | 13 |
De onderstaande tabel geeft de financiële activa en passiva weer van de Groep, gemeten tegen de reële waarde op 31 december 2012 en is gegroepeerd in overeenstemming met de reële waarde hiërachie.
Financiële activa tegen reële waarde
| € miljoen - 31 december 2012 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare activa | ||||
| Genoteerde aandelen | 23 | 0 | 0 | 23 |
| Genoteerde schuldinstrumenten | 3 | 0 | 0 | 3 |
| Afgeleide financiële activa | ||||
| Valutatermijncontracten - kasstroomafdekkingen | 0 | 6 | 0 | 6 |
| Termijncontracten - reële waarde via winst of verlies | 0 | 27 | 0 | 27 |
| Rentederivaten - kasstroomafdekkingen | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Rentederivaten - reële waarde via winst of verlies | 0 | 7 | 0 | 7 |
| Calloptie voor de minderheidsbelangen | 0 | 0 | 7 | 7 |
Financiële passiva tegen reële waarde
| € miljoen - 31 december 2012 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Afgeleide financiële passiva | ||||
| Valutatermijncontracten - kasstroomafdekkingen | 0 | 7 | 0 | 7 |
| Termijncontracten - reële waarde via winst of verlies | 0 | 36 | 0 | 36 |
| Rentederivaten - kasstroomafdekkingen | 0 | 1 | 0 | 1 |
| Rentederivaten - reële waarde via winst of verlies | 0 | 14 | 0 | 14 |
In de tussentijdse periode vonden geen overboekingen plaats tussen niveau 1 en niveau 2 van reële-
waardebepalingen, en geen overboekingen van en naar niveau 3 van reële-waardebepalingen.
Waarderingstechnieken voor de reële-waardebepalingen binnen niveau 2 van de reële waarde-hiërarchie gebruiken ofwel de "verdisconteerde cash flow" of de "Black en Scholes" methode (alleen voor FX opties) en publiek beschikbare markt informatie.
Reële-waardebepalingen met gebruik van significante onobserveerbare input (niveau 3).
| € miljoen | Call optie voor minderheidsbelangen |
|---|---|
| Saldo per 1 januari 2013 | 7 |
| Effect van wijzigingen in de reële waarde opgenomen in de winst | -3 |
| en verliesrekening | |
| Effect van wijzigingen in de wisselkoeren in de gerealiseerde en | 0 |
| Niet gerealiseerde resultaten | |
| Saldo per 30 juni 2013 | 4 |
| De reële waarde van de calloptie, ontvangen als element | belangrijkste in dit waarderingsmodel toegepaste |
van de Meizler-acquisitie zoals beschreven
in Toelichting 8, werd vastgesteld aan de hand van een
Monte-Carlosimulatiemodel. Naast de marktvolatiliteit en de Braziliaanse risicovrije rentevoet, bevatten de
hypothesen onobserveerbare inputs voor verwachte omzet en EBITDA-bedragen
5.4.Wisselkoersen
De volgende belangrijkste wisselkoersen zijn gebruikt bij de opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie:
| Equivalent van € 1 | Slotkoers | Gemiddelde koers | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | 2013 | 2012 | ||
| USD | 1,300 | 1,320 | 1,313 | 1,285 | |
| JPY | 129,170 | 114,320 | 125,170 | 102,485 | |
| GBP | 0,857 | 0,813 | 0,851 | 0,813 | |
| CHF | 1,231 | 1,207 | 1,230 | 1,205 |
De slotkoersen zijn de dagkoersen op 30 juni 2013 en 31 december 2012, de gemiddelde koersen zijn de gemiddelden voor de eerste zes maanden van het jaar.
6. Gesegmenteerde informatie
De Groep is actief in één bedrijfssegment, biofarmaceutica. Er zijn geen andere belangrijke bedrijfsklassen, noch afzonderlijk noch gezamenlijk. De belangrijkste besluitvormers van het bedrijf, zijnde het Uitvoerend Comité, beoordelen de bedrijfsresultaten en de bedrijfsplannen en wijzen middelen toe op ondernemingsschaal, zodat UCB als één enkel segment opereert.
Hierna volgt informatie voor het geheel van de onderneming over de netto-omzet per product, de geografische markten en de inkomsten uit de belangrijkste klanten:
6.1.Omzet per product informatie
De netto-omzet bestaat uit:
| Voor zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2013 Beperkt nazicht |
2012 Beperkt nazicht |
|---|---|---|
| Cimzia® | 272 | 209 |
| Vimpat® | 185 | 150 |
| Neupro® | 80 | 54 |
| Keppra® (inclusief Keppra® XR) |
361 | 445 |
| Zyrtec® (inclusief Zyrtec-D® / Cirrus® ) |
133 | 150 |
| Xyzal® | 47 | 71 |
| omeprazole | 30 | 39 |
| Nootropil® | 29 | 31 |
| Andere producten | 329 | 378 |
| Totaal netto-omzet | 1 466 | 1 527 |
6.2.Geografische informatie
De onderstaande tabel toont de netto-omzet van elke geografische markt waar zich klanten bevinden:
| Voor zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2013 Beperkt nazicht |
2012 Beperkt nazicht |
|---|---|---|
| Noord Amerika | 580 | 538 |
| Duitsland | 118 | 155 |
| Japan | 107 | 152 |
| Frankrijk | 80 | 93 |
| Italië | 72 | 93 |
| Spanje | 65 | 77 |
| VK en Ierland | 57 | 63 |
| België | 16 | 22 |
| Rest van de wereld | 371 | 334 |
| Total netto-omzet | 1 466 | 1 527 |
De onderstaande tabel geeft de materiële vaste activa weer voor iedere geografische markt waarin de activa zich bevinden:
| Voor zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2013 Beperkt nazicht |
2012 Geauditeerd1 |
|---|---|---|
| België | 247 | 233 |
| Zwitserland | 210 | 154 |
| VK en Ierland | 83 | 91 |
| Noord Amerika | 83 | 79 |
| Duitsland | 22 | 22 |
| Frankrijk | 1 | 2 |
| Spanje | 2 | 2 |
| Rest van de wereld | 17 | 19 |
| Totaal | 665 | 602 |
1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 December 2012.
6.3.Informatie over belangrijke klanten
UCB heeft één klant die individueel meer dan 10% van de totale netto-omzet vertegenwoordigt op het einde van juni 2013 (2012: één grote klant).
In de VS maakte de verkoop aan 3 groothandelaars ongeveer 86% uit van de omzet in de VS (2012: 85%).
7. Seizoensgebonden activiteiten
De opbrengsten van de Groep in het bedrijfssegment biofarmaceutica zijn tot op zekere hoogte seizoensgebonden. De opbrengsten afkomstig van de allergiefranchise schommelen volgens de hevigheid van het pollenseizoen in de verschillende geografische gebieden waar de Groep actief is.
Nochtans, kan er op een geconsolideerde basis, geen systematisch of voorspelbaar seizoensgebonden karakter in de bedrijfsactiviteiten van de Groep in zijn geheel onderkend worden.
8. Bedrijfscombinaties
Op 30 mei 2012 heeft UCB 51% van de uitgegeven en uitstaande aandelen verworven van Meizler Biopharma ("Meizler"), een particulier Braziliaans farmaceutisch bedrijf, voor een inbreng in geld van US\$ 80 miljoen (€ 64 miljoen) min 51% van de netto-schuld van Meizler. Volgens de voorwaarden van de transactie kan de aankoopprijs tot US\$ 30 miljoen verhoogd worden voor bepaalde voorwaardelijke betalingen, maar op basis van de huidige verwachtingen werden geen voorwaardelijke betalingen geboekt.
Meizler commercialiseert een portefeuille gespecialiseerde producten onder licentie op de Braziliaanse markt. UCB zal enkele van zijn gevestigde en nieuwe geneesmiddelen in de portefeuille van Meizler inbrengen voor verkoop in Brazilië. Op basis van UCB's controle van de raad van bestuur en het management heeft UCB Meizler integraal geconsolideerd.
Bij de koopovereenkomst wordt ook een putoptie op de overblijvende aandelen van Meizler toegekend aan de verkopende aandeelhouders, en aan UCB wordt een calloptie toegekend waarvan de prijs is gebaseerd op een veelvoud van de EBITDA-resultaten van het voorgaande jaar (respectivelijk de "Putoptie" en de "Calloptie"). De geschatte reële waarde van de Putoptie en de Calloptie werden vastgesteld aan de hand van een Monte-Carlosimulatiemodel. De Calloptie werd opgenomen in de berekening van de goodwill en een passiefpost van € 29 miljoen werd geboekt tegen eigen vermogen voor de actuele waarde van de overeenkomst
om de aandelen van de minderheidsaandeelhouders te kopen in het kader van de Putopie (de "Aflossingsverbintenis").
De toewijzing van de aankoopprijs werd voltooid en de vergoeding werd toegewezen aan de netto-activa op basis van hun geschatte reële waarden op 30 mei 2012 zoals beschreven in wat volgt.
Aanpassing van de Meizler-aankoopovereenkomst:
In de loop van juli 2013 ondertekenden UCB en de verkopende aandeelhouders amendementen aan de initiële Verkoop- en koopovereenkomst en de Aandeelhoudersovereenkomst om (a) het procentuele belang in Meizler, verworven door UCB, te verhogen van 51% tot 70%, (b) de bepalingen van de Put- en Callopties aan te passen en (c) US\$ 2 miljoen van de borgrekening vrij te maken voor UCB. Volgens de aangepaste bepalingen kan de Putoptie worden uitgeoefend in 2014, 2015, 2016 of 2017 en kan de Calloptie worden uitgeoefend in 2017 tegen een uitoefeningsprijs gebaseerd op een veelvoud van de gemiddelde EBITDAresultaten van de beide voorgaande jaren in de plaats van één enkel jaar. De reductie van het minderheidsbelang en de veranderingen van de Aflossingsverbintenis en de Calloptie zullen worden verwerkt in de geconsolideerde jaarrekening in de tweede helft van het jaar.
| € miljoen | 30 May 2012 - Beperkt nazicht | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Originele openings balans |
Aanpassingen | Finale openings balans |
|||
| Totale aankoopprijs | |||||
| Inbreng in geld | 64 | 0 | 64 | ||
| Verminderd met: reële waarde van de Calloptie | 0 | -15 | -15 | ||
| Totale aankoopprijs | 64 | -15 | 49 | ||
| Opgenomen bedrag aan identificeerbare verworven activa en overgenomen verplichtingen Vaste active Vlottende activa Langlopende verplichtingen Kortlopende verplichtingen Totaal identificieerbare nettoactiva Minderheidsbelangen en omrekeningsverschillen |
4 17 -5 -10 6 0 |
6 0 3 0 9 7 |
10 17 -2 -10 15 7 |
||
| Goodwill | 58 | -17 | 41 |
9. Overige bedrijfsopbrengsten en -uitgaven
De overige bedrijfsopbrengsten/-uitgaven (-) bedroegen € 3 miljoen opbrengsten in de tussentijdse periode (2012: € 3 miljoen uitgaven), vooral als gevolg van overheidsfinanciering ten dele gecompenseerd door
afschrijvingen verbonden met niet-productieve immateriële activa en waardeverminderingen op handelsen andere vorderingen.
10. Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa
Op het einde van elke rapporteringsperiode beoordeelt het management of er een indicatie is dat een actief in waarde zou zijn verminderd. Als deze indicatie aanwezig is, raamt het management het recupereerbare bedrag van het actief om na te gaan of er een uitzonderlijke waardevermindering moet worden erkend. Uitzonderlijke waardeverminderingen die in vorige tussentijdse perioden voor bepaalde niet-financiële activa werden erkend, worden niet teruggenomen.
In de eerste helft van 2013 heeft het management de niet-financiële activa (inclusief immateriële activa en goodwill) op waardeverminderingen herzien op basis van externe en interne indicatoren en vastgesteld dat er een bijzondere waardevermindering van € 8 miljoen, in hoofdzaak voor niet-productieve immateriële activa (CMC544, een ontwikkelingsproject in de oncologie in een licentie gegeven aan Pfizer) dient opgenomen te worden in de tussentijdse periode (2012: € 1 miljoen, voornamelijk in verband immateriële activa).
11. Reorganisatiekosten
De reorganisatiekosten van € 11 miljoen (2012: € 12 miljoen) waren toe te schrijven aan afvloeiingskosten.
12. Overige baten en lasten
De overige baten/lasten (-) bedroegen € 0 miljoen in 2013 (2012: € 1 miljoen lasten) en is hoofzakelijk de resultante van € 8 miljoen juridische kosten, gecompenseerd door € 8 miljoen winsten op de verkoop van materiële activa. De lasten in 2012 waren in hoofdzaak verbonden met juridische kosten voor rechtszaken.
13. Financiële baten en lasten
De financiële baten en lasten bedroegen € 69 miljoen aan lasten (2012: € 76 miljoen). In 2012 was er een eenmalig verlies van € 8 miljoen op de gedeeltelijke
schuldaflossing met betrekking tot de converteerbare obligatie.
14. Winstbelastingen (-) / tegoeden
De winstbelasting voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2013 wordt toegerekend op basis van de aanslagvoet die zou gelden voor de verwachte totale jaarlijkse winst, die een geraamde gemiddelde jaarlijkse
effectieve aanslagvoet is, toegepast op de inkomsten voor belastingen op 30 juni.
| Voor zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2013 Beperkt nazicht |
2012 Herwerkt |
|---|---|---|
| Over de verslagperiode verschuldigde winstbelasting | -45 | -64 |
| Uitgestelde winstbelasting | 23 | 48 |
| Totale winstbelastingen (-) / tegoeden | -22 | -16 |
De geconsolideerde effectieve aanslagvoet voor de Groep met betrekking tot de voortgezette activiteiten voor de zes maanden bedraagt 20,7% (2012: 10,6%).
De effectieve aanslagvoet voor de Groep, exclusief de belastingimpact van de éénmalige afschrijving op niet-
15. Beëindigde bedrijfsactiviteiten
De winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten, € 3 miljoen (2012: € 2 miljoen) was het gevolg van de partiële tegenboeking van provisies voor voormalige folie- en chemische activiteiten van de groep.
16. Immateriële activa
Tijdens de periode voegde de Groep ongeveer € 57 miljoen (2012: € 85 miljoen) aan immateriële activa toe, afkomstig uit mijlpaalbetalingen in het kader van samenwerkingsovereenkomsten en licentieovereenkomsten. Daarnaast activeerde de Groep € 10 miljoen (2012: € 20 miljoen) kosten voor de ontwikkeling van software.
In de eerste helft van het jaar boekte de Groep waardeverminderingen op zijn immateriële activa voor een bedrag van € 6 miljoen (2012: € 0 miljoen). De
17. Goodwill
Tijdens de verslagperiode voltooide de groep de toewijzing van de aankoopprijs betreffende de aankoop van Meizler en als gevolg daarvan werd de goodwill op december 2012 herwerkt (zie Toelichting 8). Daarnaast werd de goodwill voor een bedrag van € 7 miljoen beïnvloed door wisselkoersschommelingen.
financiële activa, reorganisatiekosten en de gerealiseerde éénmalige inkomsten, bedraagt 20% (2012: 19%).
waardeverminderingslasten worden in Toelichting 10 gespecifieerd en zijn in de winst- en verliesrekening opgenomen onder de rubriek "Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa".
Er werden geen materiële verkopen van immateriële activa gerealiseerd in de tussentijdse periode.
De afschrijvingslast voor de periode bedroeg € 94 miljoen (2012: € 88 miljoen).
In de eerste helft van het jaar boekte de Groep geen bijzondere waardeverminderingslasten op zijn goodwill.
18. Materiële vaste activa
Tijdens de periode investeerde de Groep ongeveer € 118 miljoen (2012: € 53 miljoen) voor de aanschaf van nieuwe materiële vaste activa, onder meer voor investeringen in de bouw van een biotechnologische pilootfabriek in Eigenbrakel, België en een biotechnologische fabriek in Bulle, Zwitserland ter ondersteuning van nieuwe producten en toedieningsapparatuur.
De Groep verkocht ook diverse materiële vaste activa, met een boekwaarde van ongeveer € 3 miljoen (2012: € 1 miljoen).
Na de controle van de materiële vaste activa om een idee te krijgen van de waardeverminderingen, werden de bijzondere waardeverminderingslasten voor de periode geschat op € 2 miljoen (2012: € 1 miljoen).
De afschrijvingslast voor de periode bedroeg € 27 miljoen (2012: € 27 miljoen).
Onder de "Activa in opbouw", werden er in de zes maanden eindigend op 30 juni 2013 € 2 miljoen financieringskosten gekapitaliseerd (2012: € 2 miljoen) in de bouw van beide piloot- en biotechnologische fabrieken in Eigenbrakel en in Bulle.
19. Financiële en overige activa
De niet-courante financiële en overige activa bedroegen € 116 miljoen op 30 juni 2013 (2012: € 132 miljoen).
De vermindering is te wijten aan de afschrijving van de voorfinanciering betreffende de kapitaaluitgaven gerelateerd tot de productie van gepegyleerde actieve bulkproducten of basis van antilichaamfragmenten door Lonza, de impact van de reële waarde van de investering in Biotie Therapies en de contante waarde van de calloptie over de uitstaande Meizler aandelen, gecompenseerd met een verhoging van de reële waarde van de WILEX investering.
20. Waardevermindering op voorraden
De kostprijs van de omzet voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2013 bevat een bedrag van € 3 miljoen euro (2012: € 11 miljoen) met betrekking tot afschrijvingen van voorraden om te komen tot de netto opbrengstwaarde van de aangehouden voorraden.
21. Kapitaal en reserves
21.1. Aandelenkapitaal en uitgiftepremies
Het geplaatst kapitaal van de Vennootschap bedraagt € 550 miljoen per 30 juni 2013 (2012: € 550 miljoen) en wordt vertegenwoordigd door 183 427 152 aandelen (2012: 183 365 052 aandelen). Er is geen maatschappelijk niet-geplaatst kapitaal.
21.2. Hybride kapitaal
Op 8 maart 2011 rondde UCB N.V. de plaatsing van € 300 miljoen eeuwigdurende achtergestelde obligaties ('de obligaties') af. Deze werden uitgegeven tegen 99,499% en bieden beleggers jaarlijks een coupon van 7,75% gedurende de eerste vijf jaar. De obligaties hebben geen eindvervaldag maar UCB heeft het recht om de obligaties af te lossen op de vijfde verjaardag van Op 30 juni 2013 bedroegen de uitgiftepremies € 1 604 miljoen (2012: € 1 601 miljoen).
hun uitgifte, op 18 maart 2016 en ieder kwartaal daarna. Na de eerste oproep-datum is de interest gebaseerd op 3-maanden vlottende EURIBOR +988,9 bsp. De obligaties zijn genoteerd op de beurs van Luxemburg.
De achtergestelde obligaties met een eeuwigdurende looptijd worden beschouwd als een eigen vermogen instrument voor de Groep onder IAS 32, Financiële instrumenten: informatieverschaffing en presentatie omwille van de volgende kenmerken:
- de obligaties hebben een eeuwig durende looptijd;
- ze zijn achtergesteld;
- en UCB mag verkiezen om de interestbetalingen over te dragen indien er geen verplichte betaling plaatsvonden in de voorbije 12 maanden gerelateerd tot junior effecten of terugkopen of de afkoop van de nominale waarde van de junior effecten.
21.3. Ingekochte eigen aandelen
De Groep verwierf 527 564 aandelen (2012: 1 426 541) van UCB N.V. voor een totaal bedrag van € 20 miljoen (2012: € 49 miljoen) en gaf 1 575 272 eigen aandelen (2012: 1 827 592 eigen aandelen) uit voor een totaal bedrag van € 59 miljoen (2012: € 58 miljoen) in de eerste helft van het jaar.
De Groep behield 4 945 659 eigen aandelen (waarvan 4,3 miljoen gerelateerd tot aandelenruil) op 30 juni 2013 (december 2012: 5 993 240 aandelen waarvan 4,3 miljoen gerelateerd tot aandelenruil). Deze ingekochte eigen aandelen werden verworven om te
21.4. Overige reserves
De overige reserves bedragen € 28 miljoen (2012: € 49 miljoen) en omvatten de volgende items:
- de IFRS-acquisitiemeerwaarde die werd gerealiseerd tijdens de Schwarz Pharma-bedrijfscombinatie voor € 232 miljoen (2012: € 232 miljoen);
- de vermogenscomponent gekoppeld aan de converteerbare obligatie voor € 41 miljoen (2012: € 41 miljoen) als gevolg van UCB's beslissing om de optie voor contante betaling in te trekken op de converteerbare obligatie;
Dienovereenkomstig werd de rente niet gepresenteerd als rentelasten in de winst-en-verliesrekening, maar werd ze geboekt in overeenstemming met de boekingen van dividenden aan aandeelhouders, die vervat zijn in het 'Overzicht van wijzigingen in het eigen vermogen'. Eventuele transactiekosten worden in mindering gebracht van het hybride kapitaal, rekening houdend met belastingeffecten.
Het hybride kapitaal bedroeg € 295 miljoen per 30 juni 2013. De dividenden gerelateerd tot de eerste helft van 2013 bedragen € 11 miljoen voor de aandeelhouders van de eeuwigdurende achtergestelde obligaties werden geboekt in het overgedragen resultaat.
kunnen voldoen aan de uitoefening van de aandelenopties en de toegekende aandelen die aan de Raad van Bestuur en aan bepaalde categorieën van werknemers toegekend werden.
In het lopende jaar werden 460 000 callopties uitgeoefend op UCB-aandelen voor een totale premie van € -3 miljoen (2012: 1 806 638 callopties gekocht voor een totale premie van € 12 miljoen).
- de herwaarderingswaarde van de toegezegdpensioenverplichting voor € -205 miljoen (2012: € -184 miljoen);
- de afkoop verplichting gerelateerd tot Meizler Biopharma voor € -29 miljoen (2012: € -29 miljoen); en
- de aankoop van de resterende 25% minderheidsbelangen in Schwarz Pharma Zuhai Company Ltd. voor € -11 miljoen (2012: € -11 miljoen).
21.5. Cumulatieve omrekeningsverschillen
De cumulatieve omrekeningsverschillen vertegenwoordigen de cumulatieve valutaomrekeningsverschillen die ontstaan bij de consolidatie van bedrijven van de Groep die andere functionele valuta dan de euro (€) gebruiken.
22. Dividenden
Het voorstel van de Raad van Bestuur om een brutodividend van € 1,02 per aandeel (2012: € 1,00 per aandeel) uit te keren aan de houders van de 180 597 755 UCB-aandelen, of een totale uitkering van € 186 miljoen
(2012: € 181 miljoen) voor boekjaar 2012 werd goedgekeurd door de UCB-aandeelhouders op hun jaarlijkse algemene vergadering van 25 april 2013, en werd bijgevolg verwerkt in de eerste helft van 2013.
23. Leningen
Op 30 juni 2013 was de gewogen gemiddelde rentevoet van de Groep gelijk aan 4,42% (2012: 4,75%) vóór afdekking. Betalingen van variabele rente zijn aan specifieke kasstroomafdekkingen onderhevig en betalingen van vaste rente zijn aan reële waardeafdekkingen onderhevig, waardoor de gewogen gemiddelde rentevoet voor de Groep uitkomt op 3,56% (2012: 3,73%) na afdekking.
Naast de uitstaande obligaties in de kapitaalmarkten en de gesyndiceerde leningsovereenkomst (niet getrokken per 30 juni 2013) beschikt UCB over bepaalde bindende en niet-bindende bilaterale financieringsovereenkomsten alsook over een Belgisch commercial paper programma. In deze context heeft UCB een zevenjarige variabele rente bulletlening met de Europese Investeringsbank (EIB) getekend waarvan een eerste schijf van € 150 miljoen werd ontvangen in mei 2012, vervallend in 2019, en een tweede schijf van € 100 miljoen werd ontvangen in april 2013, vervallend in 2020. Deze lening werd toegekend aan UCB in ondersteuning van zijn onderzoek- en ontwikkelingsprogramma in het centraal zenuwstelsel.
De evolutie van de schuldgraad van de Groep (op lange en korte termijn, inclusief financiële leasingverplichtingen) wordt hieronder weergegeven:
| € miljoen | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Beperkt nazicht | Geauditeerd1 | |
| Balans per 1 januari | 390 | 87 |
| Bankvoorschotten in rekening-courant | 10 | 14 |
| Bankleningen | 363 | 54 |
| Financiële leasing | 17 | 19 |
| Getrokken leningen | 461 | 863 |
| Terugbetalingen | -324 | -554 |
| Bankleningen | -323 | -552 |
| Financiële leasing | -1 | -2 |
| Netto-verandering van de bankvoorschotten in rekening-courant | 2 | -4 |
| Impact van veranderingen in vreemde valuta | -1 | -2 |
| Afdekking van netto-investeringen | - | - |
| Op de verslagleggingsdatum | 528 | 390 |
| Bankvoorschotten in rekening-courant | 12 | 10 |
| Bankleningen | 500 | 363 |
| Financiële leasing | 16 | 17 |
1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 december 2012
24. Obligaties
De boekwaarden van de obligaties, incl. de in maart 2013 uitgegeven particuliere obligatie, zijn als volgt:
| € miljoen | Couponrente | Eindvervaldag | 2013 Beperkt nazicht |
2012 Geauditeerd1 |
|---|---|---|---|---|
| Niet-courant | ||||
| Converteerbare obligatie | 4,50% | 2015 | 399 | 393 |
| Particuliere obligatie | 5,75% | 2014 | 771 | 780 |
| Institutionele euro-obligatie | 5,75% | 2016 | 518 | 524 |
| Particuliere obligatie | 3,75% | 2020 | 250 | - |
| Totaal langlopende verplichtingen | 1 938 | 1 697 |
1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 December 2012
24.1. Converteerbare obligatie
De converteerbare obligatie wordt in de balans geboekt en als volgt berekend:
| € miljoen | 2013 Beperkt nazicht |
2012 Geauditeerd 1 |
|---|---|---|
| Balans per 1 januari | 393 | 444 |
| Effectieve interestkosten | 15 | 31 |
| Nominale opgebouwde interest/nog niet verschuldigd | -4 | -4 |
| Nominale opgebouwde interest van vorige periode, betaald in huidige periode | 4 | 4 |
| Betaalde rente | -10 | -20 |
| Niet-afgeschreven transactiekosten bij initiële boeking | 0 | 0 |
| Afschrijvingskosten voor de periode | 1 | 1 |
| Terugkoop van converteerbare obligatie | 0 | -63 |
| Op verslagleggingsdatum | 399 | 393 |
.
1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 December 2012
24.2. In 2009 uitgegeven particuliere obligatie
De boekwaarde van de in 2009 uitgegeven particuliere obligatie voor de zes maanden tot 30 juni 2013 bedroeg € 771 miljoen (31 december 2012: € 780 miljoen).
De Groep wijst financiële derivaten onder reële-waarde afdekkingen toe aan de particuliere obligatie. De daling van de boekwaarde van de particuliere obligatie is
volledig te wijten aan de wijziging van de reële waarde van het gehedgde deel van de particuliere obligatie, en is bijna volledig gecompenseerd door de wijziging in de reële waarde van de corresponderende afgeleide financiële instrumenten.
24.3. In 2013 uitgegeven particuliere obligatie
Op 6 maart 2013 gaf UCB een particuliere obligatie uit voor € 250 miljoen. De afsluitdatum was 11 maart 2013 en de obligatie vervalt op 27 maart 2020, behalve bij vervroegde afkoop. De particuliere obligatie werd uitgegeven tegen 101,875% van de nominale waarde met een coupon van 3,75%.
De boekwaarde van de particuliere obligatie voor de zes maanden tot 30 juni 2013 bedroeg € 250 miljoen.
24.4. Institutionele euro-obligatie
De boekwaarde van de institutionele euro-obligatie voor de zes maanden tot 30 juni 2013 bedroeg € 518 miljoen (31 december 2012: € 524 miljoen). De Groep wijst
Vóór de uitgifte duidde de Groep derivaten aan als kasstroomafdekkingen van de particuliere obligatie waarvan de impact wordt afgeschreven in de loop van de looptijd van de obligatie
financiële derivaten onder reële-waarde afdekkingen toe aan de institutionele euro-obligatie.
25. Overige financiële verplichtingen
De andere financiële verplichtingen (zonder de € 53 miljoen afgeleide financiële instrumenten ) bedroegen € 216 miljoen en omvatten, een aandelenruil transactie van 4,3 miljoen UCB-aandelen OTC voor een totaal bedrag van € 192 miljoen (31 december 2012: € 176 miljoen) (zie Toelichting 28.2).
26. Voorzieningen
26.1. Milieuvoorzieningen
De milieuvoorzieningen daalden van € 37 miljoen per eind december 2012 tot € 32 miljoen in de huidige tussentijdse periode als gevolg van de terugneming van bepaalde milieuvoorzieningen in verband met de verkoop van de activiteiten van Surface Specialties. Dat heeft te maken met de afgestoten vestigingen waarover UCB de volle verantwoordelijkheid heeft behouden, in
overeenstemming met de contractuele voorwaarden die zijn afgesproken met Cytec Industries Inc. In de eerste helft van 2013 werd een deel van de voorzieningen in verband met de activiteit Surface Specialties teruggeboekt.
26.2. Reorganisatievoorzieningen
De reorganisatievoorzieningen daalden van € 31 miljoen per eind december 2012 tot € 21 miljoen aan het einde van de huidige tussentijdse periode, en omvatten de verdere betalingen in verband met het SHAPEprogramma dat werd aangekondigd in augustus 2008, de
uitstap uit de primaire zorgsector in de VS, zoals aangekondigd in januari 2010 en andere afvloeiingskosten voor 2012 (zie Toelichting 11).
26.3. Belastingvoorzieningen
De belastingvoorzieningen daalden met € 46 miljoen van € 389 miljoen eind december 2012 tot € 343 miljoen op 30 juni 2013, ten gevolge van een terugneming van € 40 miljoen voorzieningen na een gunstige verduidelijking van de fiscale autoriteiten in verband met de beschikbaarheid van de belastingvrijstelling op de
26.4. Andere voorzieningen
De andere voorzieningen stegen van € 29 miljoen eind december 2012 tot € 33 miljoen op 30 juni 2013 en hebben vooral betrekking op productaansprakelijkheid en gerechtelijke proceskosten. Voorzieningen voor rechtszaken omvatten voornamelijk voorzieningen voor geschillen waar UCB of een dochteronderneming gedagvaard wordt voor claims van voormalige werknemers. Voorzieningen voor productaansprakelijkheid hebben betrekking op de
betaling van niet-uitgekeerde reserves. Voorzieningen voor belastingrisico's worden opgenomen als UCB van oordeel is dat de belastingdiensten een door de Groep of een dochteronderneming ingenomen belastingstandpunt zouden kunnen betwisten.
risico's die verband houden met de normale bedrijfsvoering en waarvoor de Groep aansprakelijk kan worden gesteld door de verkoop van deze types geneesmiddelen. Er wordt met betrekking tot de bovenvermelde risico's samen met de juridische adviseurs van de Groep en verschillende vak-experts een evaluatie gemaakt.
27. Toelichting bij het geconsolideerde kasstroomoverzicht
Het kasstroomoverzicht geeft de operationele activiteiten, investeringsactiviteiten en financieringsactiviteiten weer.
UCB past de indirecte methode toe voor de operationele kasstromen. Het nettoresultaat is aangepast voor:
• de effecten van niet-geldelijke transacties zoals afschrijvingen en waardeverminderingen, bijzondere waardeverminderingsverliezen, provisies,
waarderingen tegen reële waarde enz., alsook de veranderingen inzake werkkapitaal;
• baten en lasten die verband houden met kasstromen uit investerings- en financieringsactiviteiten.
| Voor zes maanden, eindigend op 30 juni € miljoen |
2013 Beperkt |
2012 Herwerkt |
|---|---|---|
| nazicht | ||
| Aanpassing voor niet-geldelijke transacties | 162 | 8 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 120 | 115 |
| Afschrijvingen/Terugnemingen (-) van bijzondere waardeverminderingen In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde |
8 -10 |
1 -2 |
| betalingen | ||
| Andere niet geldelijke transacties in de winst- en verliesrekening | -17 | -14 |
| Aanpassing IAS39 | 18 | -29 |
| Niet-gerealiseerde wisselkoerswinst (-) / verlies | 42 | -70 |
| Wijziging in voorzieningen en personeelsvergoedingen | 3 | -8 |
| Voorraadwijzigingen en voorzieningen voor dubieuze debiteuren | -2 | 15 |
| Aanpassing voor posten te vermelden onder kasstromen uit | 22 | 16 |
| operationele activiteiten | ||
| Belastinglast voor de periode | 22 | 16 |
| Aanpassing voor posten te vermelden onder kasstromen uit | 52 | 67 |
| investerings- en financieringsactiviteiten | ||
| Winst (-) / verlies uit de verkoop van vaste activa | -9 | 2 |
| Betaalde / ontvangen(-) dividenden | 0 | 0 |
| Betaalde / ontvangen(-) intresten | 61 | 65 |
| Wijzigingen in het werkkapitaal | ||
| Voorraadbewegingen per geconsolideerde balans | -31 | -64 |
| Handels- en overige vorderingen en andere activabewegingen per | -77 | 108 |
| geconsolideerde balans | ||
| Handels- en overige schulden, beweging per geconsolideerde balans | -58 | 135 |
| Zoals opgenomen in de geconsolideerde balans en gecorrigeerd met: | -166 | 179 |
| Niet-geldelijke posten1 | -67 | -71 |
| Wijzigingen in voorraden en voorzieningen voor dubieuze debiteuren | 2 | -15 |
| afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit operationele activiteiten | ||
| Wijzigingen in te ontvangen/te betalen intresten afzonderlijk vermeld onder | -37 | -20 |
| kasstromen uit operationele activiteiten | ||
| Wijzigingen in te ontvangen dividenden afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit investeringsactiviteiten |
0 | 0 |
| Wijzigingen in te betalen dividenden afzonderlijk vermeld onder kasstromen | 23 | 23 |
| uit financieringsactiviteiten | ||
| Wijziging bij nog te betalen bedrag vermeld onder kasstroom uit beëindigde | 0 | 0 |
| activiteiten | ||
| Aanpassingen voor de omrekening van vreemde valuta | -5 | -5 |
| Zoals opgenomen in het geconsolideerd kasstroomoverzicht | -250 | 91 |
1 Niet-geldelijke posten houden hoofdzakelijk verband met transfers van de ene rubriek naar de andere, met niet-geldelijke bewegingen die verband houden met een nieuwe waardering door een geassocieerde deelneming in een vreemde munt en andere bewegingen die verband houden met toevoegingen/verwijderingen binnen de consolidatiekring of met fusies van entiteiten.
28. Transacties met verbonden partijen
28.1. Vergoedingen van managers op sleutelposities
Er waren geen wijzigingen met betrekking tot de verbonden partijen die in het jaarverslag 2012 werden geïdentificeerd en vermeld.
De onderstaande vergoedingen van managers op sleutelposities omvatten de vergoedingen die zijn
opgenomen in de winst- en verliesrekening voor de leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité, voor de eerste zes maanden waarin ze hun mandaat uitoefenden, eindigend 30 juni 2013.
| € miljoen | 2013 Beperkt nazicht |
|---|---|
| Kortlopende personeelsvergoedingen | 5 |
| Ontslagvergoedingen | 0 |
| Uitkeringen na uittreding | 1 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 2 |
| Totale vergoedingen van managers op sleutelposities | 8 |
28.2. Aandeelhouders en aandeelhoudersstructuur
Verklaringen ontvangen in overeenstemming met de wet van 2 mei 2007 betreffende de aangifte van belangrijke aandelenparticipaties1
| Laatste wijziging: 25 juli 2013 | Datum van de laatste relevante notificatie |
|||
|---|---|---|---|---|
| Kapitaal | € 550 281 456 | 14 juni 2013 | ||
| Totaal aantal stemgerechtigden (= denominator) | 183 427 152 | |||
| 1 | Financière de Tubize S.A. ('Tubize') | |||
| Effecten waaraan stemrechten zijn verbonden (aandelen) |
66 370 000 | 36.18% | 1 maart 2012 | |
| 2 | UCB N.V. | |||
| Effecten waaraan stemrechten zijn verbonden (aandelen) |
286 740 | 0.16% | 25 juli 20131 | |
| Gelijkgestelde financiële instrumenten(opties)2 | 6 146 638 | 3.35% | 9 mei 20131 | |
| 2 Gelijkgestelde financiële instrumenten (andere) |
2 500 000 | 1.36% | 1 mei 20131 | |
| total | 8 933 378 | 4.87% | ||
| 3 | UCB Fipar N.V. | |||
| Effecten waaraan stemrechten zijn verbonden (aandelen)2 |
335 569 | 0.18% | 25 juli 20131 | |
| Gelijkgestelde financiële instrumenten2 | 1 800 000 | 0.98% | 1 juli 20131 | |
| total | 2 136 569 | 1.16% | ||
| 4 | Schwarz Vermögensverwaltung GmbH Co. KG ('Schwarz') | |||
| Effecten waaraan stemrechten zijn verbonden (aandelen) |
2 471 404 | 1.35% | 1 maart 2012 | |
| 5 | Capital Research and Management Company (subsidiary of The Capital Group Companies Inc.) |
|||
| Effecten waaraan stemrechten zijn verbonden (aandelen) |
13 737 874 | 7.49% | 24 juli 2013 | |
| 6 | Vanguard Health Care Fund | |||
| Effecten waaraan stemrechten zijn verbonden (aandelen) |
9 345 949 | 5.10% | 12 juni 2013 | |
| Tubize + UCB N.V. + UCB Fipar S.A. + Schwarz (Tubize controleert UCB N.V., die UCB Fipar S.A. controleert art. 6, §5, 2° en 9, §3, 2° betreffende de wet op de openbaarmaking van groot aandeelhoudershap) (Tubize en Schwarz hebben verklaard samen te werken art. 6, §4 en 9, §3, 3° betreffende de wet op de openbaarmaking van groot aandeelhouderschap) |
79 910 351 | 43.57% |
1 Alle informatie die gebaseerd is op de ontvangen kennisgeving volgens de wet van 2 mei, 2007 op de openbaarmaking van groot aandeelhouderschap, uitgezonderd voor de meer onlangs bijgewerkte informatie van de holding UCB NV en zijn dochterondernemingen (die niet bij wet verplicht is). Overeenkomstig de laatste wettelijk vereiste kennisgeving (dat wil zeggen, de kennisgeving van 1 maart 2012), op hield UCB N.V. op 1 maart 2012, 3 136 150 individuele en 4 800 000 gelijkgestelde aandelen.
2 De gelijkgestelde financiële instrumenten, in de zin van artikel 6 van het Koninklijk besluit van 14 februari 2008, op de openbaarmaking van grote aandeelhouders, die, indien uitgeoefend, een extra stemrecht verlenen.
29. Verbintenissen en voorwaardelijke gebeurtenissen
29.1. Voorwaardelijke activa en verplichtingen
Er hebben geen belangrijke gebeurtenissen plaatsgevonden in de eerste helft van het jaar en er werden bijgevolg geen wezenlijke veranderingen aangebracht in de voorwaardelijke activa en verplichtingen die in het jaarverslag voor 2012 beschreven staan (p. 113).
De Groep blijft actief betrokken bij rechtsgeschillen, claims en onderzoeken. Deze en andere lopende zaken kunnen leiden tot aansprakelijkheden, burgerlijke en strafrechtelijke boetes, verlies van productexclusiviteit en andere kosten, boetes en onkosten die verbonden zijn aan bevindingen die strijdig zijn met UCB's belangen.
UCB blijft zich tegen de iets minder dan 5000 Reglan® productverplichtingsrechtszaken verdedigen. Deze gevallen werden grotendeels geconsolideerd in drie verschillende jurisdicties, met name San Francisco, Philadelphia en Atlantic City. Elk geschil betreft claims voor letsels als gevolg van het vermeende nalaten te waarschuwen voor het risico geassocieerd met het gebruik van metoclopramide gedurende meer dan 12 weken. Het merendeel van de gevallen betreft schade als gevolg van het gebruik van generische metoclopramide. Een aantal juridische vragen moeten worden beantwoord vóór de rechtbanken een uitspraak kunnen doen, en
deze kunnen de timing en de uitspraak beïnvloeden. Momenteel zijn er geen gevallen voor de rechtbank gepland in 2013 maar het is mogelijk dat een rechtszaak in het tweede kwartaal van 2014 op de rol komt. Het is te vroeg om met zekerheid het resultaat van deze geschillen te voorspellen. De onderneming is van mening dat het een goede verdediging heeft tegenover deze claims.
In mei 2012 klaagde APOTEX UCB en Kremers Urban aan in het Southern District of Florida voor een inbreuk op zijn USP 6.767.556 door Univasc® en Uniretic® , die moexipril bevatten als actieve stof, en door Kremers Urban's generisch moexiprilproduct. Deze zaak moet voorkomen op 29 juli 2013. De onderneming is van mening dat het een goede verdediging heeft de claims van APOTEX.
Voorts heeft de Groep een aantal diverse overeenkomsten afgesloten om te voorzien in mogelijke voorwaardelijke verplichtingen.
Het valt niet te verwachten dat uit de voorwaardelijke verplichtingen enige andere materiële verplichtingen zullen ontstaan dan vermeld in Toelichting 32 van het jaarverslag 2012
29.2. Aankoopverplichtingen
Op 30 juni 2013 had de Groep kapitaalverbintenissen voor ongeveer € 121 miljoen, hoofdzakelijk in verband met kapitaaluitgaven voor de bouw van een biotechnologische pilootfabriek in Eigenbrakel, België en een biotechnologische fabriek in Bulle, Zwitserland. De Groep sloot verschillende lange termijn samenwerkingsovereenkomsten met verschillende farmaceutische, klinische proef exploitanten en private equity ondernemingen. Zulke
29.3. Garanties
.
De garanties die in de loop van de normale bedrijfsvoering ontstaan, zullen naar verwachting niet resulteren in enige wezenlijke financiële verliezen.
samenwerkingsovereenkomsten omvatten mijlpaalbetalingen die afhankelijk zijn van succesvolle klinische ontwikkelingen of van het behalen van specifieke verkoopdoelstellingen. Op 30 juni 2013 had de Groep voor ongeveer € 10 miljoen aan verplichtingen in verband met immateriële activa die in de tweede jaarhelft betaald moeten worden.
30. Gebeurtenissen na de tussentijdse balansdatum
Er hebben geen gebeurtenissen plaatsgevonden na het afsluiten van de rapporteringsperiode.
Verslag van de commissaris omtrent de beperkte controle van de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie voor de periode afgesloten op 30 juni 2013
Inleiding
We hebben een beperkt nazicht uitgevoerd van de in bijlage opgenomen verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie van UCB NV en haar dochtervennootschappen (de "Groep") op 30 juni 2013, die de verkorte geconsolideerde balans op 30 juni 2013 en de verkorte geconsolideerde winst-en-verliesrekening, het verkorte geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, de verkorte geconsolideerde staat van wijzigingen in het eigen vermogen en het verkorte geconsolideerd kasstroomoverzicht over de periode van zes maanden afgesloten op die datum omvat, evenals van de toelichtingen. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk dat deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is opgesteld en gepresenteerd in overeenstemming met IAS 34 zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Het is onze verantwoordelijkheid om een besluit te formuleren over deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie op basis van ons beperkt nazicht.
Omvang van het beperkt nazicht
We hebben ons beperkt nazicht uitgevoerd overeenkomstig met de "International Standard on Review Engagements 2410 - Review of interim financial information performed by the independent auditor of the entity". Een nazicht bestaat uit vragen van inlichtingen aan hoofdzakelijk financiële en boekhoudkundige verantwoordelijken, en het toepassen van analytische en andere procedures van nazicht. Een beperkt nazicht is substantieel minder uitgebreid dan een volkomen controle uitgevoerd volgens "International Standards on Auditing" en laat ons bijgevolg niet toe om met zekerheid te stellen dat we kennis hebben van alle belangrijke gegevens die zouden geïdentificeerd zijn indien we een volkomen controle zouden hebben uitgevoerd. We brengen dan ook geen controle verslag uit.
Conclusie
Op basis van ons beperkt nazicht is niets onder onze aandacht gekomen dat ons doet aannemen dat de bijgaande verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie, in alle materiële opzichten niet opgesteld zou zijn in overeenstemming met IAS 34 zoals goedgekeurd door de Europese Unie.
Sint-Stevens-Woluwe, 30 juli 2013
PwC Bedrijfsrevisoren/Reviseurs d'Entreprises Vertegenwoordigd door
Jean Fossion
Bedrijfsrevisor/Réviseur d'entreprises
Verantwoordingsverklaring
We bevestigen hierbij dat, naar ons beste weten, de verkorte financiële verslagen voor de periode van zes maanden die eindigt op 30 juni 2013, die werden opgesteld in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse financiële verslaggeving" zoals aanvaard door de Europese Unie, een waarheidsgetrouw en reëel beeld geven van de activa, de passiva, de financiële positie en de winst/het verlies van de vennootschap en de ondernemingen die als een geheel in de consolidatie zijn opgenomen, en dat het tussentijdse beheersverslag een reëel overzicht geeft van de belangrijke gebeurtenissen die zich in de eerste zes maanden van het boekjaar hebben voorgedaan, van de belangrijke transacties met de verbonden partijen, en van hun impact op de geconsolideerde financiële verslagen, samen met een beschrijving van de belangrijkste risico's en onzekerheden voor de resterende zes maanden van het boekjaar.
In naam van de Raad van Bestuur
Roch DOLIVEUX, Detlef THIELGEN, Chairman of Executive Committee & CEO Executive Vice President & CFO