AI assistant
UCB — Audit Report / Information 2010
Mar 2, 2011
4017_10-k_2011-03-02_4e8cfa11-2707-4df4-9649-c39613ec1e08.pdf
Audit Report / Information
Open in viewerOpens in your device viewer
Overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten
1. Overzicht van de bedrijfsprestaties1
Dit overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten is gebaseerd op de geconsolideerde jaarrekening van de ondernemingsgroep UCB, opgesteld volgens de IFRS-normen. De afzonderlijke statutaire jaarrekening van UCB nv, opgesteld volgens de Belgische boekhoudkundige normen, evenals het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en het verslag van de commissaris, worden binnen de statutaire termijnen neergelegd bij de Nationale Bank van België en zijn verkrijgbaar op aanvraag of via onze website.
1.1. Belangrijkste hoogtepunten
• De opbrengsten zijn in 2010 met 3% gestegen tot € 3 218 miljoen. De netto-omzet steeg met 4% dankzij de sterke prestaties van de drie kernproducten Cimzia®, Vimpat® en Neupro®, een sterke verkoop van Keppra® in Europa, evenals van venlafaxine XR in Noord-Amerika, gedeeltelijk gecompenseerd door de generische concurrentie voor de portefeuille van mature producten. De royalty-inkomsten en vergoedingen daalden met 3% na het verstrijken van het intellectuele
eigendom van de biotechnologie. De overige opbrengsten stegen met 3% dankzij een hogere omzet uit contractproductie.
- • De recurrente EBITDA bedroeg in 2010 € 731 miljoen, tegenover € 698 miljoen in 2009, wat een weerspiegeling is van de toename van de opbrengsten, enigszins gecompenseerd door de lanceringskosten voor Cimzia®, Vimpat® en Neupro® en het opstarten van nieuwe klinische ontwikkelingsprogramma's.
- • De nettowinst daalde van € 513 miljoen in 2009 tot € 103 miljoen in 2010, als gevolg van een sterk bedrijfsresultaat in 2010, de hogere eenmalige uitgaven hoofdzakelijk voortvloeiend uit waardeverminderingskosten verbonden aan Toviaz® en eenmalige afschrijvingen in verband met de overdracht van drie fabrieken aan Aesica, gedeeltelijk geneutraliseerd door eenmalige inkomstenbelastingen. De aangepaste nettowinst voor eenmalige en exclusieve elementen bedroeg € 239 miljoen, wat 6% hoger is dan de € 226 miljoen aangepaste nettowinst voor 2009.
- • De kern-WPA steeg van € 1,74 in 2009 naar € 1,99 per aandeel in 2010.
| Actueel | Verschil | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2010 | 2009 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|
| Opbrengsten | 3218 | 3116 | 3% | 0% | |
| Netto-omzet | 2786 | 2683 | 4% | 0% | |
| Royalty-inkomsten en vergoedingen | 220 227 |
-3% | -7% | ||
| Overige opbrengsten | 212 | 206 | 3% | 0% | |
| Brutowinst | 2165 | 2 091 | 4% | -1% | |
| Marketing- en verkoopkosten | -797 | -781 | 2% | -3% | |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -705 | -674 | 5% | 2% | |
| Algemene- en administratiekosten | -194 | -189 | 3% | 1% | |
| Overige bedrijfsbaten en –lasten (-) | -2 | 6 | n.s. | n.s. | |
| Recurrente EBIT (REBIT) | 467 | 453 | 3% | -7% | |
| Niet-recurrente baten/lasten (-) | -263 | 384 | n.s. | n.S. | |
| EBIT (operationele winst) | 204 | 837 | -76% | -80% | |
| Netto financiële lasten | -185 | -162 | 14% | 13% | |
| Opbrengst uit geassocieerde ondernemingen | 0 | 0 | n.s. | n.s. | |
| Winst vóór winstbelastingen | 19 | 675 | -97% | -102% | |
| Inkomstenbelastingen(-)/tegoeden | 86 | -168 | n.s. | n.s. | |
| Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 105 | 507 | -79% | -85% | |
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -1 | 7 | n.s. | n.s. | |
| Minderheidsbelangen | -1 | -1 | |||
| Nettowinst (na minderheidsbelangen) | 103 | 513 | -80% | -85% | |
| Recurrente EBITDA | 731 | 698 | 5% | -3% | |
| Aangepaste nettowinst | 239 | 226 | 6% | -8% | |
| Kapitaalinvesteringen (inclusief immateriële activa) | 78 | 87 | -10% | n.s. | |
| Netto financiële schuld | 1525 | 1752 | -13% | n.s. | |
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 506 | 295 | 72% | n.s. | |
| Aantal aandelen – niet verwaterd | 180 | 180 | |||
| Winst per aandeel (€ per niet-verwaterd aandeel) | 0,57 | 2,85 | n.s. | n.s. | |
| Kern-WPA (€ per niet-verwaterd aandeel) | 1,99 | 1,74 | 15% | 4% |
Ten gevolge van afrondingen is het mogelijk dat het totaal van bepaalde financiële cijfers in de tabellen in dit overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten niet gelijk is aan de weergegeven som.
1.2. Belangrijke gebeurtenissen in 2010
Er hebben zich een aantal belangrijke gebeurtenissen voorgedaan die UCB financieel hebben beïnvloed of zullen beïnvloeden:
Belangrijke overeenkomsten/initiatieven
- • De uitbreiding van de productiecapaciteit voor Cimzia®: In december 2010 heeft UCB een project opgestart om een eigen biotechnologische-bacteriologische productiefaciliteit te bouwen in Bulle, Zwitserland om te kunnen voldoen aan de vraag naar UCB's kernproduct Cimzia® (certoluzimab pegol). De nieuwe productieeenheid zou in 2015 operationeel moeten zijn en is goed voor een tweefasige investering van € 250 miljoen.
- • UCB optimaliseert productienetwerk: In december 2010 heeft UCB met Aesica, een toonaangevende farmaceutische fabrikant, een akkoord gesloten voor de overname van de huidige productiefaciliteiten van UCB in Duitsland en Italië door Aesica. De overeenkomst kadert in de strategie van UCB om het productienetwerk te optimaliseren.
- • Strategische alliantie in neurologie met Synosia: In oktober 2010 kondigden UCB en Synosia Therapeutics een nieuwe strategische alliantie in neurologie aan. Synosia verleent aan UCB de exclusieve, wereldwijde rechten op de ontwikkelingsverbinding SYN-115 en de rechten op een tweede verbinding, SYN-118, voor niet-weesindicaties. Beide bevinden zich in de klinische ontwikkelingsfase 2 voor de behandeling van de ziekte van Parkinson. Synosia is verantwoordelijk voor de ontwikkeling tot het einde van fase 2. UCB neemt de volgende fasen en de commercialisering op zich. Bovendien werd UCB een hoofdaandeelhouder van Synosia Therapeutics. In januari 2011 werd Synosia overgenomen door Biotie Therapies, dat daarmee een toonaangevend bedrijf creëerde voor de ontwikkeling van geneesmiddelen voor het centrale zenuwstelsel. UCB heeft nu 8,94% van de aandelen van Biotie Therapies.
- • Versterkte strategische alliantie met WILEX: In juni 2010 verwierf UCB nog eens 6,65% van de aandelen in WILEX, een partner in de ontwikkeling van de oncologieportefeuille van UCB. Daarmee verhoogde UCB zijn totale belang in WILEX tot 18,05%.
- • Overeenkomst met Chiesi voor de marketing van Innovair® in de EU: In juli 2010 kwam UCB met Chiesi overeen dat de marketing van het astmaproduct Innovair® (beclomethasone/formoterol) in Europa zal worden overgenomen door Chiesi zelf.
- • Afstoting van rijpe primaire zorgproducten in Japan: In mei 2010 besliste UCB om uit de primaire zorgmarkt in Japan te stappen door zijn primaire zorgproducten over te laten aan Taiho Pharmaceuticals, een filiaal van Otsuka Holdings.
- • Beslissing om uit de primaire markt van de gezondheidszorg in de VS te stappen: Vanaf 1 maart 2010 is UCB uit de primaire markt van de gezondheidszorg in de VS gestapt. In juli 2010 werden door de UCB ook de VS-marketingrechten van zes bestaande producten overgelaten aan Actient Pharmaceutical.
Update over de reglementering en de vooruitgang van de pijplijn
Centraal zenuwstelsel (CZS)
- • In september 2010 lanceerden UCB Japan en Otsuka Pharmaceutical met succes levetiracetam in Japan onder de merknaam E Keppra® als aanvullende therapie voor aanvallen met partieel begin bij volwassen epilepsiepatiënten.
- • In december 2010 star tte een nieuwe fase-3-studie van brivaracetam als aanvullende therapie in de behandeling van aanvallen met partieel begin bij volwassen epilepsiepatiënten. De eerste resultaten worden in de eerste helft van 2013 verwacht.
- • Voor het epilepsiegeneesmiddel Vimpat® (lacosamide) wordt het ontwikkelingsprogramma in de VS voor monotherapie (fase 3) voor aanvallen met partieel begin voortgezet en worden de eerste resultaten verwacht in het tweede kwartaal van 2013. Eind 2010 startte
UCB een klinische fase-3-studie in heel Europa om de efficiëntie en veiligheid van Vimpat® als monotherapie bij volwassen patiënten te beoordelen. De eerste resultaten worden tegen het einde van 2014 verwacht. De eerste positieve resultaten van het pediatrische fase-2-onderzoeksprogramma voor Vimpat® als aanvullende therapie bij kinderen zijn gemeld.Het programma voor het klinische fase-2 onderzoek van Vimpat® (lacosamide) als aanvullende therapie bij primaire algemene tonisch-klonische aanvallen (PGTCS) begon in het tweede kwartaal van 2010 en de eerste resultaten worden verwacht in de tweede helft van 2011. Sinds eind 2010 heeft UCB de wereldwijde rechten voor de ontwikkeling en marketing van Vimpat®: UCB verwierf de rechten voor Japan.
- • In april 2010 kreeg UCB een "Complete Response Letter" van de FDA, de Amerikaanse controledienst. De FDA adviseerde daarin de herformulering van Neupro® (rotigotine) alvorens het op de Amerikaanse markt te brengen voor de behandeling van de ziekte van Parkinson (PD) en het rustelozebenensyndroom (restless legs syndrome of RLS). UCB wil in de loop van 2012 de patch beschikbaar maken voor patiënten in de VS, onder voorbehoud van goedkeuring tot registratie.
- • UCB heeft Xyrem® (natriumoxybaat) tegen fibromyalgie ingediend bij het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA). UCB verwacht in de eerste helft van 2011 antwoord van de Europese instanties.
- • Het fase-1-programma voor UCB2892, een H3-antagonist met een potentieel voor cognitieve stoornissen, is door UCB beëindigd omdat tests een ongunstig risico-batenprofiel voor dit kandidaatgeneesmiddel aantoonden.
- • UCB0942, een nieuw kandidaat-geneesmiddel met een innovatief werkingsmechanisme, pre- en postsynaptische inhibitie (PPSI), werd ontwikkeld voor de behandeling van refractaire epilepsie. In december 2010 werden fase-1-studies opgestart.
Immunologie
- • Twee clinische studies van Cimzia® (certolizumab pegol) bij de behandeling van reumatoïde artritis (RA) in Japan werd veel eerder dan gepland positief afgerond en beide onderzoeken beantwoordden aan de vooropgestelde doelstellingen. De indiening van een aanvraag voor goedkeuring tot registratie bij de Japanse overheden wordt voorbereid in samenwerking met Otsuka Pharmaceutical.
- • In december 2010 star tte de inschrijving voor het fase-3-programma (EMBODY™ 1 en EMBODY™ 2) voor epratuzumab bij patiënten met matige tot ernstige systemische lupus erythematosus. Er moeten ongeveer 780 toevallig verdeelde patiënten voor elke studie worden gerekruteerd. De eerste resultaten worden in de eerste helft van 2014 verwacht.
- • CDP7851 ('sclerostineantilichaam', ook bekend als AMG 785), een nieuwe anabolische therapie voor botmassaverlies, zit momenteel in de fase-2-ontwikkeling voor postmenopauzale osteoporose en de genezing van breuken. De eerste resultaten van beide studies worden respectievelijk verwacht in het tweede kwartaal van 2011 en 2012.
- • Het fase-2b-programma ontwikkeld voor olokizumab (anti-IL 6) voor de behandeling van matige tot ernstige reumatoïde artritis (RA) startte eerder dan voorzien, nl. eind 2010. De eerste resultaten worden in het derde kwartaal van 2012 verwacht.
- • In april 2010 kwam er een nieuwe verbinding in de ontwikkelingsfase 1: CDP7657, een gehumaniseerd anti-CD40L-fragment van een antilichaam dat potentieel heeft tegen systemische lupus erythematosus (SLE).
Andere
• MEK-inhibitor: UCB's partner WILEX AG, München/Duitsland, kondigde in juni 2010 de succesvolle voltooiing aan van een fase-Idosisescalatiestudie met de oncologische MEK-inhibitor WX-554, waarin voor het eerst werd aangetoond dat WX-554 actief is bij mensen.
2. Beheersverslag1
Wijzigingen in de consolidatiekring: Door de overname van Schwarz Pharma heeft UCB een nieuwe stap gezet naar het biofarmaceutisch leiderschap. UCB consolideerde de balans van Schwarz Pharma Group per 31 december 2006 en de resultaten vanaf 1 januari 2007. Op 8 mei 2009 maakte UCB bekend dat het in een 'squeeze-out' procedure de door minderheidsaandeelhouders gehouden aandelen van Schwarz Pharma wilde verwerven. Sinds 8 juli 2009 bezit UCB 100% van de uitstaande aandelen.
Als gevolg van de afstoting van de resterende niet-farmaceutische activiteiten (zoals Surface Specialities) in februari 2005 rapporteert UCB de resultaten van deze activiteiten als deel van de winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten.
Recurrente en niet-recurrente posten: Eenmalige transacties en beslissingen die de resultaten van UCB beïnvloeden, worden afzonderlijk weergegeven ('niet-recurrente posten'). Naast de EBIT (winst vóór rente en belastingen of operationele winst) is een regel voor 'recurrente EBIT' (REBIT of recurrente operationele winst) opgenomen die de lopende rentabiliteit van de biofarmaceutische activiteiten van de onderneming weerspiegelt. De recurrente EBIT is gelijk aan de regel 'operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van activa, herstructurering en overige baten en lasten' in de geconsolideerde jaarrekening.
Aangepaste nettowinst: Eenmalige transacties en beslissingen die de resultaten van UCB voor beide beschouwde periodes beïnvloeden, worden afzonderlijk behandeld ('niet-recurrente posten' en 'eenmalige posten'). Ter vergelijking werd een regel opgenomen voor 'aangepaste nettowinst', die de lopende winst na belastingen van de biofarmaceutische activiteiten weergeeft. De aangepaste nettowinst is gelijk aan de regel 'winst' in de geconsolideerde jaarrekening, aangepast voor nietvoortgezette activiteiten en de impact na belasting van niet-recurrente posten en eenmalige posten.
Kern-WPA: De aangepaste nettowinst, zoals hierboven gedefinieerd, met toevoeging van de afschrijving na belasting van immateriële activa die gekoppeld zijn aan de verkoop, per niet-verwaterd aandeel.
Kernproducten: De 'kernproducten' zijn de nieuw gelanceerde producten van UCB, meer bepaald Cimzia®, Vimpat® en Neupro®. UCB's prioriteit is de verdere lancering en groei van deze drie producten.
2.1. Netto-omzet per product – de totale netto-omzet bedraagt € 2786 miljoen of 4% meer dan de vorige periode
| Actueel | Verschil | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2010 | 2009 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|
| Kernproducten | |||||
| Cimzia® | 198 | 75 | 163% | 151% | |
| Vimpat® | 133 | 46 | 190% | 179% | |
| Neupro® | 82 | 61 | 34% | 33% | |
| Andere producten | |||||
| Keppra® (inclusief Keppra® XR) | 942 | 913 | 3% | 0% | |
| Zyrtec® (inclusief Zyrtec-D®/Cirrus®) | 229 | 268 | -15% | -22% | |
| venlafaxine XR | 162 | 109 | 49% | 42% | |
| Xyzal® | 115 | 132 | -13% | -16% | |
| Tussionex™ | 80 | 147 | -46% | -48% | |
| Nootropil® | 66 | 70 | -5% | -9% | |
| omeprazole | 65 | 64 | 1% | -4% | |
| Metadate™ CD | 54 | 72 | -26% | -30% | |
| Andere | 660 | 727 | -9% | -12% | |
| Totale netto-omzet | 2786 | 2 683 | 4% | 0% |
Kernproducten
Cimzia® (certolizumab pegol), beschikbaar in de VS (sinds mei 2009) en in Europa (oktober 2009) voor patiënten die lijden aan matige tot ernstige actieve reumatoïde artritis (RA) en beschikbaar in de VS (april 2008) en Zwitserland voor de ziekte van Crohn (CD), haalde een netto-omzet van € 198 miljoen, een stijging met 163%.
Vimpat® (lacosamide), voor epilepsie, beschikbaar in Europa (sinds september 2008) en in de VS (juni 2009) als aanvullende therapie in de behandeling van aanvallen met partieel begin, haalde een netto-omzet van € 133 miljoen, een stijging van 190%.
Neupro® (rotigotine), beschikbaar voor patiënten in Europa met de ziekte van Parkinson en het rustelozebenensyndroom (RLS), vertoonde een stijging in de netto-omzet tot € 82 miljoen (+34%)
Andere producten
Keppra® (levetiracetam), voor epilepsie, gaf een netto-omzet van € 942 miljoen (waarvan € 83 miljoen voor Keppra® XR in de VS), wat 3% meer is dan vorig jaar. De verdere erosie na het verstrijken van het octrooi in Noord-Amerika (-13%), het marktleiderschap in Europa (+11%) en in de rest van de wereld (+21%) zijn bepalend voor deze prestatie.
Zyrtec® (cetirizine, inclusief Zyrtec®-D/Cirrus®), voor allergie, noteerde een daling van de netto-omzet met 15% tot € 229 miljoen, ten gevolge van de afstoting van niet-strategische kleine markten aan GlaxoSmithKline (GSK) in het eerste kwartaal van 2009. De Europese omzet bleef stabiel, terwijl de Japanse omzet met 12% daalde.
Venlafaxine XR, voor de behandeling van zware depressieve en sociale angststoornissen, haalde 49% meer netto-omzet, meer bepaald € 162 miljoen in de VS, ondanks de generische concurrentie sinds augustus 2010. UCB heeft de exclusieve rechten van Osmotica om venlafaxine hydrochloride XR in de VS op te markt te brengen en te verkopen.
Ten gevolge van afrondingen is het mogelijk dat het totaal van bepaalde financiële cijfers in de tabellen in dit overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten niet gelijk is aan de weergegeven som.
Xyzal® (levocetirizine), voor allergie, noteerde een netto-omzet van € 115 miljoen, een daling van 13% als gevolg van de generische concurrentie in Europa. De omzet van Xyzal® in de VS is niet geconsolideerd. Het aandeel van UCB in de winstdelingsovereenkomst met sanofi-aventis in de VS is opgenomen onder 'overige opbrengsten'.
Tussionex™ (hydrocodonpolistirex en chlorfeniraminepolistirex), een hoestmiddel in de VS, werd getroffen door een zwak hoest- en verkoudhedenseizoen en bovendien noteerde de markt een verschuiving naar producten op basis van codeïne en heerste er generische concurrentie sinds oktober 2010. De netto-omzet behaalde € 80 miljoen (-46%), inclusief de netto-omzet van het generische geneesmiddel, dat door de generische afdeling van UCB in de VS werd gelanceerd.
Nootropil® (piracetam), tegen cognitieve stoornissen, behaalde een netto-omzet van € 66 miljoen (-5%), met een stabiele verkoop in Europa en een daling in de rest van de wereld.
Omeprazole, een generisch product tegen hyperaciditeit, noteerde een netto-omzet van € 65 miljoen, 1% hoger dan vorig jaar.
Metadate™ CD (methylfenidaat HCI), tegen ADHD en verkocht in de VS, noteerde een netto-omzet van € 54 miljoen, een daling van 26%. Het product werd ook verkocht onder het handelsmerk Equasym® XL in Europa en de rest van de wereld en werd begin 2009 aan Shire verkocht.
Overige producten: De netto-omzet voor andere mature producten daalde met 9% tot € 660 miljoen, als gevolg van afgestoten producten, generische concurrentie en het verstrijken van de portefeuille.
Netto-omzet per geografisch gebied
Noord-Amerika: De netto-omzet steeg in 2010 met 8% tot € 1 024 miljoen. Cimzia®, voor patiënten die lijden aan de ziekte van Crohn (CD) en reumatoïde artritis (RA), noteerde een stijging van de netto-omzet met 137% tot € 166 miljoen. Het anti-epilepticum Vimpat® haalde een netto-omzet van € 96 miljoen, een stijging van 220%. De franchise voor Keppra® daalde tot € 278 miljoen, een verlies van 13% ten opzichte van het voorgaande jaar. Terwijl de Keppra® netto-omzet (dat eind 2008 de exclusiviteit verloor) te kampen heeft met verdere erosie na het verstrijken van het octrooi (-27%), steeg de netto-omzet van Keppra® XR met 50% tot € 83 miljoen. De netto-omzet van Tussionex™ werd beïnvloed door een zwak hoest- en verkoudhedenseizoen en de markt kende sinds oktober 2010 een verschuiving naar producten op basis van codeïne en generische concurrenten. De netto-omzet behaalde € 80 miljoen (-46%), met inbegrip van de netto-omzet van het generische geneesmiddel gelanceerd door de generische afdeling van UCB in de VS. Venlafaxine XR noteerde een netto-omzet van € 162 miljoen (+49%) ondanks de generische concurrentie sinds augustus 2010.
Europa: De netto-omzet bedroeg € 1 421 miljoen in 2010, een stijging met 4%. De netto-omzet van Cimzia® steeg van € 5 miljoen in 2009 tot € 31 miljoen in 2010, dankzij verdere nationale lanceringen in heel Europa. Het nieuwe epilepsiegeneesmiddel Vimpat® haalde met € 36 miljoen meer dan een verdubbeling van de netto-omzet. Neupro® voor de behandeling van de ziekte van Parkinson en het rustelozebenensyndroom haalde een netto-omzet van € 81 miljoen, een stijging van 34% ten opzichte van het voorgaande jaar. De netto-omzet van marktleider Keppra® nam toe met 11% en bedroeg € 606 miljoen. De daling bij de allergiegeneesmiddelen Xyzal® (€ 88 miljoen; -22%) en Zyrtec® (€ 71 miljoen; -4%) was het gevolg van de generische concurrentie in de meeste Europese landen.
In de rest van de wereld bedroeg de netto-omzet in
2010 € 348 miljoen, een verlies van 7%. Zonder rekening te houden met de afstoting van de markten ten voordele van GSK in 2009, nam de netto-omzet in de rest van de wereld toe met 2%. De drie nieuwe kernproducten, Cimzia®, Vimpat® en Neupro®, zijn nu beschikbaar voor patiënten in dit gebied, met eerste lanceringen in Australië, Hongkong, Mexico en andere markten. Elk kernproduct haalde een netto-omzet van € 1 miljoen. Marktleider Keppra® verhoogde de netto-omzet met 21% tot € 58 miljoen.
De netto-omzet in Japan daalde met 8% tot € 178 miljoen, door de lagere netto-omzet van Zyrtec® tot € 133 miljoen (-12%). De netto-omzet van de nieuw gelanceerde producten van UCB in Japan, E Keppra® en Xyzal®, bereikte € 16 miljoen.
De netto-omzet van Zyrtec® in de andere landen in de rest van de wereld nam eveneens af.
| Verschil 2010/2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Actueel | Actuele wisselkoersen | constantEwisselkoersen | ||||
| € miljoen | 2010 | 2009 | € Miljoen | % | € Miljoen | % |
| Netto-omzet Noord-Amerika | 1 024 | 948 | 75 | 8% | 25 | 3% |
| Kernproducten | ||||||
| Cimzia® | 166 | 70 | 96 | 137% | 88 | 125% |
| Vimpat® | 96 | 30 | 66 | 220% | 61 | 205% |
| Andere producten | ||||||
| Keppra® (inclusief Keppra® XR) | 278 | 320 | -43 | -13% | -57 | -18% |
| Tussionex™ | 80 | 147 | -67 | -46% | -71 | -48% |
| venlafaxine XR | 162 | 109 | 53 | 49% | 46 | 42% |
| Andere | 243 | 273 | -30 | -11% | -42 | -15% |
| Netto-omzet Europa | 1 421 | 1 370 | 51 | 4% | 32 | 2% |
| Kernproducten | ||||||
| Cimzia® | 31 | 5 | 26 | 518% | 26 | 509% |
| Vimpat® | 36 | 16 | 20 | 129% | 20 | 127% |
| Neupro® | 81 | 60 | 20 | 34% | 20 | 33% |
| Andere producten | ||||||
| Keppra® | 606 | 545 | 61 | 11% | 54 | 10% |
| Xyzal® | 88 | 114 | -26 | -22% | -27 | -24% |
| Zyrtec® (inclusief Cirrus®) | 71 | 73 | -3 | -4% | -6 | -8% |
| Nootropil® | 57 | 57 | 0 | 0% | -2 | -3% |
| Andere | 451 | 500 | -49 | -10% | -53 | -11% |
| Netto-omzet rest van de wereld | 348 | 375 | -28 | -7% | -64 | -17% |
| Kernproducten | ||||||
| Cimzia® | 1 | 0 | 1 | n.s. | 0 | n.s. |
| Vimpat® | 1 | 0 | 1 | n.s. | 0 | n.s. |
| Neupro® | 1 | 0 | 1 | n.s. | 1 | n.s. |
| Andere producten | ||||||
| Zyrtec® (inclusief Cirrus®) | 150 | 183 | -33 | -18% | -49 | -27% |
| Keppra® | 58 | 48 | 10 | 21% | 3 | 6% |
| Xyzal® | 25 | 17 | 8 | 48% | 5 | 31% |
| Nootropil® | 9 | 13 | -3 | -27% | -4 | -35% |
| Andere producten | 103 | 114 | -11 | -10% | -18 | -16% |
| Niet toegewezen | -7 | -11 | ||||
| Totaal netto-omzet | 2 786 | 2 683 | 102 | 4% | -4 | 0% |
2.3. Royalty-inkomsten en vergoedingen
| Actueel | Verschil | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2010 | 2009 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|
| Biotechnologische IE | 98 | 116 | -16% | -20% | |
| Toviaz® | 52 | 41 | 28% | 28% | |
| Zyrtec® VS | 19 | 23 | -18% | -22% | |
| Andere | 51 | 48 | 8% | 3% | |
| Royalty-inkomsten en vergoedingen | 220 | 227 | -3% | -7% |
Voor 2010 bedroegen de royalty-inkomsten en vergoedingen € 220 miljoen, een verlies van € 7 miljoen of 3% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. De royalty's voor UCB's biotechnologische intellectuele eigendom (IE) daalde met 16% als gevolg van het verstrijken van de 'winteroctrooien' medio 2010. De royalty's voor Toviaz®
(fesoterodine) stegen met 28% tot € 52 miljoen. De royalty's in de VS voor Zyrtec® ontvangen bij de verkoop zonder voorschrift bedroegen in 2010 € 19 miljoen, tegenover € 23 miljoen in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. De royaltylasten worden opgenomen als onderdeel van de kostprijs van de omzet.
2.4. Overige opbrengsten
| Actueel | Verschil | |||
|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2010 | 2009 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
| Omzet uit contractproductie | 101 | 94 | 8% | 5% |
| Winstdeling Provas™ en andere | 33 | 25 | 29% | 29% |
| Mijlpalen/winstdeling Xyzal® in de VS | 28 | 47 | -41% | -44% |
| Otsuka | 20 | 26 | -24% | -25% |
| Andere | 30 | 14 | 123% | 127% |
| Overige opbrengsten | 212 | 206 | 3% | 0% |
De overige opbrengsten voor 2010 bedroegen € 212 miljoen, een stijging van 3% of € 6 miljoen.
De stijging in de omzet uit contractproductie tot € 101 miljoen, 8% meer in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar, was hoofdzakelijk het resultaat van de in 2009 aangekondigde overeenkomsten met GSK en Shire.
De winstdelingsovereenkomst met Novartis voor de cardiovasculaire middelen Provas™, Jalra® en Icandra® in Duitsland vertegenwoordigt
€ 33 miljoen, een toename van 29%. De winstdeling met sanofi-aventis voor Xyzal® in de VS was goed voor € 28 miljoen, een daling van 41%. Sinds 1 maart 2010 staat sanofi-aventis VS volledig in voor de commercialisering van Xyzal®. UCB blijft een percentage van de winst op Xyzal® ontvangen, zij het minder dan vroeger. De overige opbrengsten in verband met Otsuka in 2010 hebben betrekking tot de terugbetaling van de O&O-uitgaven en mijlpalen opgenomen als onderdeel van de overeenkomsten die Otsuka en UCB in juni 2008 sloten voor E Keppra® en Cimzia® in Japan.
2.5. Brutowinst
| Actueel | Verschil | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2010 | 2009 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|
| Opbrengsten | 3 218 | 3 116 | 3% | 0% | |
| Netto-omzet | 2 786 | 2 683 | 4% | 0% | |
| Royalty-inkomsten en vergoedingen | 220 | 227 | -3% | -7% | |
| Overige opbrengsten | 212 | 206 | 3% | 0% | |
| Kostprijs van de omzet | -1 053 | -1 025 | 3% | 1% | |
| Kostprijs van de omzet voor producten en diensten | -724 | -769 | -6% | -6% | |
| Royaltylasten | -155 | -128 | 22% | 18% | |
| Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van immateriële | -173 | -128 | 36% | 33% | |
| activa | |||||
| Brutowinst | 2 165 | 2 091 | 4% | -1% | |
| waarvan | |||||
| Producten en diensten | 2 273 | 2 119 | 7% | 2% | |
| Netto royalty-inkomsten | 64 | 100 | -35% | -38% | |
| Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van immateriële activa |
-173 | -128 | 36% | 33% |
De brutowinst van € 2 165 miljoen is 4% hoger dan in 2009 als gevolg van de stijging van de netto-omzet en maakt de toegenomen royaltylasten voor de nieuw gelanceerde producten en de afschrijving van deze producten meer dan goed.
De kostprijs van de omzet bestaat uit drie componenten: de kostprijs van de omzet voor producten en diensten, de royaltylasten en de afschrijvingen van aan de omzet gekoppelde immateriële activa:
Kostprijs van de omzet voor producten en diensten: De kostprijs van de omzet voor producten en diensten daalde met € 45 miljoen van € 769 miljoen in 2009 tot € 724 miljoen in 2010. Die daling is het gecombineerde resultaat van de industriële efficiëntie op het gebied van rendement en afval, de consolidatie van externe partners en verbeteringen in de biotechnologische productie.
Royaltylasten: De royalty's stegen van € 128 miljoen in 2009 tot € 155 miljoen in 2010 tengevolge van de royalty's voor de nieuw gelanceerde producten (Cimzia®, Vimpat®) en venlafaxine XR.
| Actueel | Verschil | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2010 | 2009 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|
| Biotechnologische IE | -36 | -33 | 10% | 6% | |
| Andere | -119 | -95 | 25% | 37% | |
| Royaltylasten | -155 | -128 | 22% | 18% |
Afschrijving van aan de omzet gekoppelde immateriële activa:
Volgens IFRS 3 (Bedrijfscombinaties) heeft UCB in zijn balans een aanzienlijk bedrag aan immateriële activa opgenomen die verband houden met de overname van Celltech en Schwarz Pharma (lopend onderzoek en ontwikkeling, productie van knowhow, royaltystromen, handelsbenamingen, enz.) en die aanleiding gaven tot € 173 miljoen afschrijvingskosten in 2010, tegenover € 128 miljoen in 2009, als gevolg van de afschrijving van immateriële activa waarvoor al nieuwe producten zijn gelanceerd.
2.6. Recurrente EBIT en recurrente EBITDA
| Actueel | Verschil | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2010 | 2009 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
|
| Opbrengsten | 3218 | 3116 | 3% | 0% | |
| Netto-omzet | 2786 | 2683 | 4% | 0% | |
| Royalty-inkomsten en vergoedingen | 220 | 227 | -3% | -7% | |
| Overige opbrengsten | 212 | 206 | 3% | 0% | |
| Brutowinst | 2165 | 2 091 | 4% | -1% | |
| Marketing- en verkoopkosten | -797 | -781 | 2% | -3% | |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -705 | -674 | 5% | 2% | |
| Algemene en administratiekosten | -194 | -189 | 3% | 1% | |
| Overige bedrijfsbaten en –lasten (-) | -2 | 6 | n.s. | n.s. | |
| Totale operationele lasten | -1 698 | -1638 | 4% | 0% | |
| Recurrente EBIT (REBIT) | 467 | 453 | 3% | -7% | |
| plus: afschrijving van immateriële activa | 190 | 142 | 33% | 30% | |
| plus: afschrijvingslasten | 73 | 102 | -28% | -31% | |
| Recurrente EBITDA (REBITDA) | 731 | 698 | 5% | -3% |
De bedrijfskosten, die de marketing- en verkoopkosten, de kosten voor onderzoek en ontwikkeling, de algemene en administratiekosten en andere bedrijfsopbrengsten/-lasten omvatten, bedroegen € 1 698 miljoen in 2010, 4% meer dan vorig jaar, als gevolg van:
€ 16 miljoen meer marketing- en verkoopkosten, of een toename van 2%, voornamelijk door de hogere lanceringskosten voor Cimzia®, Vimpat® en Neupro®.
€ 31 miljoen meer kosten voor onderzoek en ontwikkeling, of een toename van 4%, als gevolg van het gevorderde eindstadium van de pijplijn en het opstarten van klinische ontwikkelingsprogramma's.
€ 5 miljoen meer algemene en administratiekosten, of een toename van 3%.
De recurrente EBIT stijgt met 3%, voornamelijk door de stijging van de netto-omzet.
De recurrente EBITDA stijgt met 5% tot € 731 miljoen in vergelijking met 2009, als gevolg van de hogere opbrengsten en brutowinst, verminderd door de lanceringskosten voor de kernproducten en het opstarten van klinische ontwikkelingsprogramma's.
2.7. Nettowinst en aangepaste nettowinst
| Actueel | Verschil | |||
|---|---|---|---|---|
| € miljoen | 2010 | 2009 | Actuele wisselkoersen |
Constante wisselkoersen |
| Recurrente EBIT | 467 | 453 | 3% | -7% |
| Kosten van bijzondere waardeverminderingen | -223 | -126 | 78% | 73% |
| Reorganisatiekosten | -40 | -73 | -46% | -48% |
| Boekwinst | 49 | 594 | n.s. | n.s. |
| Andere niet-recurrente baten/lasten (-) | -49 | -11 | n.s. | n.s. |
| Totaal niet-recurrente baten/lasten (-) | -263 | 384 | n.s. | n.s. |
| EBIT (operationele winst) | 204 | 837 | -76% | -80% |
| Netto financiële lasten | -185 | -162 | 14% | 13% |
| Opbrengsten uit geassocieerde ondernemingen | 0 | n.s. | n.s. | |
| Winst vóór winstbelastingen | 19 | 675 | -97% | -102% |
| Winstbelastingen (-)/tegoeden | 86 | -168 | n.s. | n.s. |
| Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 105 | 507 | -79% | -85% |
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -1 | 7 | n.s. | n.s. |
| Minderheidsbelangen | -1 | -1 | n.s. | n.s. |
| Nettowinst | 103 | 513 | -80% | -85% |
| Niet-recurrente posten en eenmalige financiële posten na belastingen |
216 | -298 | n.s. | n.s. |
| Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 1 | -7 | n.s. | n.s. |
| Eenmalige belastingen | -81 | 17 | n.s. | n.s. |
| Aangepaste nettowinst (na minderheidsbelangen) | 239 | 226 | 6% | -8% |
De totale niet-recurrente baten/lasten bedroegen € 263 miljoen vóór belastingen, tegenover € 384 miljoen baten vóór belastingen in 2009. De niet-recurrente posten van 2009 omvatten herstructureringskosten voor een bedrag van wel € 73 miljoen, hoofdzakelijk voor de reorganisatie in België en het VK en omdat UCB uit de primaire markt van de gezondheidszorg in de VS stapte, zoals was aangekondigd in januari 2010. De waardevermindering op immateriële activa in 2009 is hoofdzakelijk het gevolg van de waardevermindering op het ontwikkelingsproject CDP323 en de waardevermindering in het gebruik van andere materiële en immateriële activa voor in totaal € 126 miljoen. De boekwinst in 2009 bedroeg € 594 miljoen vóór belastingen of € 477 miljoen nettowinst na belastingen, hoofdzakelijk op de afstoting van commerciële bedrijfsactiviteiten en distributierechten voor producten voor geselecteerde kleinere markten ten voordele van GSK, de afstoting van Equasym® aan Shire en de afstoting van Somatostatine-UCB™ aan Eumedica.
De niet-recurrente posten in 2010 omvatten € 223 miljoen aan waardeverminderingskosten, hoofdzakelijk met betrekking tot Toviaz®, Mylotarg® en de verkoop van fabrieken aan Aesica. In de € 40 miljoen herstructureringskosten zitten de PCP-activiteiten in Japan en Turkije, kosten in verband met het SHAPE-programma en andere opzeggingskosten. De afstoting van kleine activiteiten brachten een boekwinst mee van € 49 miljoen, geneutraliseerd door andere niet-recurrente lasten ter waarde van € 49 miljoen, hoofdzakelijk met betrekking tot afschrijvingen van de drie aan Aesica verkochte fabrieken ten bedrage van € 20 miljoen en lasten gerelateerd tot het Amerikaanse ministerie van Justitie. Sedert 2008, zoals vroeger gerapporteerd, heeft UCB samengewerkt met het Amerikaanse ministerie van Justitie in een onderzoek naar de marketing van Keppra®. De onderneming heeft onlangs een princiepsakkoord met de VS en participerende staten om het onderzoek in der minne te schikken. Onder het princiepsakkoord zal UCB Inc. schuldig pleiten voor strafbare overtreding, USD 8,6 miljoen betalen en in een burgerlijke schikking treden van USD 25,8 miljoen plus bescheiden interest. UCB werkt verder met de autoriteiten om dit onderzoek te beëindigen. De problemen die aan de basis lagen van dit onderzoek vonden plaats meer dan zes jaar geleden. Van dan af aan heeft UCB een compliance programma opgezet en voortdurend verbeterd. UCB's compliance programma weerspiegelt de ondernemingsverbintenis tot de hoogste standaard van bedrijfsvoering.
De netto financiële lasten stegen van € 162 miljoen in 2009 naar € 185 miljoen in 2010, of met € 23 miljoen. Vorig jaar omvatten de financiële lasten de schuldherfinanciering en bepaalde lasten met betrekking tot herfinanciering, onder andere een versnelde aflossing van regelingsvergoedingen en de beëindiging van hedge accounting op bestaande rentehedges. De toegenomen netto financiële lasten in 2010 zijn te wijten aan de hogere rentevoeten, vergoedingen, de eenmalige intrekking van € 7 miljoen van de optie voor contante betaling in verband met de converteerbare obligatie in februari 2010 en de beëindiging van hedge accounting op rentederivaten.
Het gemiddelde belastingtarief op recurrente activiteiten bedraagt 23% in 2010, tegenover 29% in dezelfde periode vorig jaar. Het verschil is voornamelijk te wijten aan verminderde inkomsten in hoge belastingsjurisdicties. De niet-recurrente elementen omvatten € 81 miljoen aan eenmalige belastingstegoeden die voornamelijk afkomstig zijn van het positieve resultaat van belastingsvorderingen, de omkeer van bepaalde belastingsprovisies ten gevolgen van de verstrijking van het statuut van beperktheid, aanpassing van provisies en de herkenning van vroegere niet herkende uitgestelde belastingsvorderingen.
De nettowinst na minderheidsbelangen voor het jaar bedroeg € 103 miljoen, d.i. € 410 miljoen minder dan vorig jaar, als gevolg van de hogere niet-recurrente lasten en eenmalige belastingsinkomsten.
Na aanpassing voor de impact na belasting van eenmalige posten en eenmalige financiële lasten en voor de bijdrage na belasting uit niet-voortgezette activiteiten bedroeg de aangepaste nettowinst € 239 miljoen, 6% minder dan de € 226 miljoen aangepaste nettowinst van 2009.
2.8. Kapitaaluitgaven
De materiële vaste activa voortvloeiend uit de biofarmaceutische activiteiten van UCB bedroegen € 54 miljoen in 2010, tegenover € 38 miljoen in 2009. De kapitaaluitgaven in 2010 hielden vooral verband met de verbetering en vervanging, evenals met investeringen ter ondersteuning van nieuwe producten, een nieuwe biotechnologische pilotfabriek in Eigenbrakel (België) en leverings mechanismen.
De verwerving van immateriële vaste activa kostte € 24 miljoen in 2010 (tegenover € 49 miljoen in 2009) voor de betaling van licentieproducten, mijlpalen en software.
Bovendien heeft UCB, zoals bepaald in de overeenkomst tussen UCB en Lonza voor de productie door Lonza van gepegyleerde actieve bulkproducten op basis van antilichaamfragmenten, deelgenomen in de voorfinanciering van de betreffende kapitaaluitgaven. De afschrijvingskosten op deze investering zijn opgenomen in de kosten van verkochte goederen en werden weer toegevoegd met het oog op de berekening van de recurrente EBITDA.
2.9. Balans
Immateriële activa: Als gevolg van de lopende afschrijving van de immateriële activa in verband met de overname van Celltech en Schwarz Pharma (€ 173 miljoen), de waardevermindering (€ 193 miljoen) vooral op de royaltystroom voor fesoterodine en de impact van de stijging van de Amerikaanse dollar en het Britse pond, daalden de immateriële activa met € 312 miljoen van € 1 953 miljoen per 31 december 2009 tot € 1 641 miljoen per 31 december 2010.
Goodwill: De goodwill bedraagt € 4 718 miljoen, of een stijging van € 166 miljoen tussen 31 december 2009 en 31 december 2010, door de stijging van de Amerikaanse dollar en het Britse pond.
Overige vaste activa: De overige vaste activa stegen met € 57 miljoen, hoofdzakelijk dankzij de investeringen in WILEX AG en Synosia Therapeutics Holding AG, de opname van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingsvorderingen, geneutraliseerd door de verdere waardevermindering van de materiële vaste activa.
Vlottende activa: De daling van € 1 794 miljoen per 31 december 2009 naar € 1 731 miljoen per 31 december 2010 is hoofdzakelijk een weerspiegeling van een daling van de handelsvorderingen als gevolg van incasso's in verschillende markten en de uitvoering van de herfinanciering.
Eigen vermogen: Het eigen vermogen van UCB, € 4 592 miljoen, steeg met € 175 miljoen tussen 31 december 2009 en 31 december 2010. Het eigen vermogen steeg met het bedrag van de nettowinst na minderheidsbelangen (€ 103 miljoen), de cumulatieve omrekeningsverschillen als gevolg van de stijging van de Amerikaanse dollar en het Britse pond (€ 180 miljoen), de derivaatcomponent gekoppeld aan de converteerbare obligatie (€ 48 miljoen) en de aanpassingen aan de reële waarde in verband met de afgeleide financiële instrumenten, de voor verkoop beschikbare financiële activa en de kasstroomafdekkingen (€ 14 miljoen), en met € 173 miljoen door gedeclareerde dividenden op de resultaten over 2009.
Langlopende schulden: De daling van de langlopende schulden van € 2 641 miljoen naar € 2 524 miljoen heeft vooral te maken met de uitgestelde belastingverplichtingen op de afschrijving van immateriële activa, de opname van de uitgestelde belastingverplichtingen op de intrekking van de optie voor contante betaling in verband met de converteerbare obligatie in februari 2010 en de daling in afgeleide financiële instrumenten.
Kortlopende schulden: De daling van de kortlopende schulden van € 2 062 miljoen naar € 1 853 miljoen is het gevolg van een daling in de voorzieningen voor het SHAPE-programma, de terugbetaling van de schuld en een stijging van de handels- en andere verplichtingen.
Nettoschuld: De nettoschuld van € 1 525 miljoen is verminderd met € 227 miljoen, tegenover € 1 752 miljoen eind december 2009.
2.10. Kasstroomoverzicht
De evolutie van door de biofarmaceutische activiteiten gegenereerde kasstromen wordt beïnvloed door de volgende elementen:
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten: De hogere kasstroom uit operationele activiteiten, gestegen van € 295 miljoen naar € 506 miljoen, is het gevolg van sterke operationele prestaties, een belangrijke daling in de handelsvorderingen door incasso's, hogere schulden tegenover leveranciers en handelskredieten, maar ook van betalingen in verband met de herstructureringsprogramma's.
Kasstromen uit investeringsactiviteiten: De kasstroom uit investeringsactiviteiten bedroeg € 473 miljoen instroom in 2009 en werd vooral veroorzaakt door de afstoting van commerciële activiteiten en distributierechten voor producten voor geselecteerde kleinere markten naar GSK, de afstoting van Equasym® naar Shire, de afstoting van Somatostatine-UCBTM naar Eumedica. De uitstroom van € 63 miljoen in 2010 vloeit voort uit de besteding van € 78 miljoen aan materiële en immateriële activa, een stijging van de aandelen in WILEX AG naar 18,05% en de investering voor 19,06% in Synosia Therapeutics Holding AG, gecompenseerd door de opbrengsten bij de afstoting van kleine activiteiten.
De kasstromen uit financieringsactiviteiten vertonen een uitstroom van € 440 miljoen door de terugbetaling van het kortlopende gedeelte van de leningen van de Groep en de dividenduitkering met betrekking tot de resultaten van 2009.
2.11. Vooruitzichten voor 2011
In 2011 zullen de resultaten van UCB ondersteund worden door de voortgaande intense groei van Cimzia®, Vimpat® en Neupro® wat voor een groot deel – maar niet volledig- de impact van het verstrijken van de overblijvende octrooien zal opvangen. Vanaf 2012 zou een periode van meer dan tien jaar moeten aanbreken waarin geen belangrijke octrooien meer zullen verstrijken, wat een stevige basis zal vormen voor de aanhoudende groei van UCB.
De opbrengsten voor 2011 zullen naar verwachting tussen de € 3,0 en € 3,1 miljard bedragen, als gevolg van de generische concurrentie voor Keppra® in de EU en de volledige generische concurrentie op jaarbasis voor VS-producten, evenals de verdere erosie van onze mature producten, gedeeltelijk gecompenseerd door de prestatie van de nieuw gelanceerde producten.
In 2011, de recurrente EBITDA zal naar verwachting schommelen tussen € 650 en 680 miljoen.
De kern-WPA zal naar verwachting ongeveer € 1,60 à € 1,70 bedragen.
Consolidated Financial Statements
1. Geconsolideerde winst- en verliesrekening
| Voor het boekjaar eindigend op 31 december | Note | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| € Miljoen | |||
| Voortgezette bedrijfsactiviteiten | |||
| Netto-omzet | 5 | 2786 | 2 683 |
| Royalties | 220 | 227 | |
| Overige opbrengsten | 8 | 212 | 206 |
| Opbrengsten | 3218 | 3 116 | |
| Kostprijs van de omzet | -1053 | -1025 | |
| Brutowinst | 2 165 | 2091 | |
| Marketing- en verkoopkosten | -797 | -781 | |
| Onderzoeks- en ontwikkelingskosten | -705 | -674 | |
| Algemene- en administratiekosten | -194 | -189 | |
| Overige bedrijfsbaten en -lasten (-) | 11 | -2 | 6 |
| Operationele winst vóór bijzondere waarde-vermindering van activa, | |||
| reorganisatiekosten en overige bedrijfsbaten en –lasten | 467 | 453 | |
| Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa | 12 | -223 | -126 |
| Reorganisatiekosten | 13 | -40 | -73 |
| Overige baten en lasten (-) | 14 | 0 | 583 |
| Operationele winst | 204 | 837 | |
| Financiële inkomsten | 15 | 9 | 59 |
| Financieringskosten | 15 | -194 | -221 |
| Opbrengsten uit geassocieerde ondernemingen | 21 | 0 | - |
| Winst / verlies (-) vóór winstbelastingen | 19 | 675 | |
| Winst(belastingen)/-tegoeden | 16 | 86 | -168 |
| Winst / verlies (-) uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 105 | 507 | |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | |||
| Winst /verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 7 | -1 | 7 |
| Winst | 104 | 514 | |
| Toerekenbaar aan: | |||
| aandeelhouders van UCB N.V. | 103 | 513 | |
| Minderheidsbelangen | 1 | 1 | |
| Gewone winst per aandeel (€) | |||
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 37 | 0,58 | 2,81 |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 37 | -0,01 | 0,04 |
| Totale gewone winst per aandeel | 0,57 | 2,85 | |
| Verwaterde winst per aandeel (€) | |||
| Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 37 | 0,57 | 2,71 |
| Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 37 | -0,01 | 0,04 |
| Totale verwaterde winst per aandeel | 0,56 | 2,75 |
2. Geconsolideerde overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
| Voor het boekjaar eindigend op 31 december | Note | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| € miljoen | |||
| Winst van de periode | 104 | 514 | |
| Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | |||
| Netto winst/(verlies) op de voor verkoop beschikbare investeringen | 17 | 1 | 0 |
| Winstbelasting | 0 | 0 | |
| 1 | 0 | ||
| Wisselkoersverschillen op omzetting van buitenlandse activiteiten | 179 | -54 | |
| Effectief gedeelte van winst/(verlies) op kasstroomafdekkingen | 17 | 7 | 102 |
| Winstbelasting | 0 | -2 | |
| 7 | 100 | ||
| Netto winst/(verlies) op afdekking van netto-investeringen in buitenlandse activiteiten | 17 | 0 | 0 |
| Winstbelasting | 0 | 0 | |
| 0 | 0 | ||
| Gedeelte gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten uit geassocieerde ondernemingen | 21 | 1 | 0 |
| Winstbelasting | 0 | 0 | |
| 1 | 0 | ||
| Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde (-) resultaten, voor de periode, na belastingen | 188 | 46 | |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde (-) resultaten voor de periode, na belastingen | 292 | 560 | |
| Toerekenbaar aan: | |||
| Aandeelhouders van UCB N.V. | 293 | 560 | |
| Minderheidsbelangen | -1 | 0 | |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde (-) resultaten voor de periode, na belastingen | 292 | 560 |
3. Geconsolideerde balans
| Voor het boekjaar eindigend op 31 december | Note | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| € miljoen | |||
| ACTIVA | |||
| Vaste activa | |||
| Immateriële activa | 18 | 1641 | 1953 |
| Goodwill | 19 | 4718 | 4552 |
| Materiële vaste activa | 20 | 505 | 534 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 31 | 217 | 158 |
| Personeelsbeloningen | 32 | 18 | 12 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen | 21 | 16 | - |
| Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële elementen) | 22 | 123 | 117 |
| Totaal vaste activa | 7238 | 7326 | |
| Vlottende activa | |||
| Voorraden | 23 | 434 | 405 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 24 | 705 | 819 |
| Te ontvangen belastingen | 9 | 14 | |
| Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële elementen) | 22 | 61 | 53 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 25 | 494 | 486 |
| 1703 | 1777 | ||
| Activa die worden afgestoten geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6 | 28 | 17 |
| Totaal vlottende activa | 1731 | 1794 | |
| Totaal activa | 8969 | 9120 | |
| EIGEN VER MOGEN ENVER PLICH TINGEN |
|||
| Eigen vermogen | |||
| Geplaatst kapitaal en reserves toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB | 26 | 4590 | 4415 |
| Minderheidsbelangen | 2 | 2 | |
| Totaal eigen vermogen | 4592 | 4417 | |
| Langlopende verplichtingen | |||
| Leningen | 28 | 32 | 23 |
| Obligaties | 29 | 1683 | 1654 |
| Andere financiële verplichtingen (inclusief afgeleide financiële elementen) | 30 | 43 | 130 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 31 | 316 | 404 |
| Personeelsbeloningen | |||
| 32 | 105 | 104 | |
| Voorzieningen Andere verplichtingen |
33 | 218 | 211 |
| Totaal langlopende verplichtingen | 34 | 127 2524 |
115 2641 |
| Kortlopende verplichtingen | |||
| Leningen | 28 | 308 | 566 |
| Andere financiële verplichtingen | 30 | 79 | 63 |
| Voorzieningen | 33 | 92 | 169 |
| Handels- en overige verplichtingen | 34 | 1172 | 1036 |
| Te betalen belastingen | 198 | 228 | |
| 1849 | 2062 | ||
| Verplichtingen die worden afgestoten geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6 | 4 | 0 |
| Totaal kortlopende verplichtingen | 1853 | 2062 | |
| Totaal verplichtingen | 4377 | 4703 | |
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 8969 | 9120 |
4. Geconsolideerd kasstroomoverzicht
| Voor het boekjaar eindigend op 31 december | Note | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| € miljoen | |||
| Winst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V. | 103 | 513 | |
| Minderheidsbelangen | 1 | 1 | |
| Afschrijvingen van vaste activa | 9,20 | 65 | 78 |
| Afschrijving van immateriële activa | 9,18 | 190 | 142 |
| Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa | 9,12 | 223 | 126 |
| Bijzondere waardevermindering van financiële activa | 15,22 | 0 | 3 |
| Verlies / winst (-) op de vervreemding van materiële vaste activa | 0 | 0 | |
| Verlies / winst (-) op de vervreemding van andere dan materiële vaste activa | -61 | -102 | |
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 27 | 20 | 16 |
| Winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | 7 | 1 | -7 |
| Winst uit afgestoten activiteiten, andere dan beëindigde bedrijfsactiviteiten | -2 | -501 | |
| Netto-rente (baten)/lasten | 168 | 131 | |
| Netto niet-geldelijke financieringskosten | -51 | -31 | |
| Financiële derivaten - veranderingen in reële waarde en kasstroomdekkingen overgeboekt naar eigen vermogen |
15 | 9 | 80 |
| Dividendinkomsten | 15 | 0 | -1 |
| Winst / tegoeden (-) belastingen | 16 | -86 | 168 |
| Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten voor veranderingen in werkkapitaal, voorzieningen en | 580 | 616 | |
| personeelsbeloningen | |||
| Afname / toename (-) van voorraden | -17 | -5 | |
| Afname / toename (-) van handelsvorderingen en overige vorderingen en andere activa | 175 | 58 | |
| Toename / afname (-) van handelsverplichtingen en overige verplichtingen | 126 | -21 | |
| Toename / afname (-) van voorzieningen en personeelsbeloningen | -91 | -135 | |
| Geldmiddelen gegenereerd uit bedrijfsactiviteiten | 773 | 513 | |
| Ontvangen rente | 53 | 64 | |
| Betaalde rente | -190 | -194 | |
| Betaalde winstbelastingen | -130 | -88 | |
| KASSTROMEN UIT BEDRIJFSAC TIVITEITEN |
506 | 295 | |
| Verwerving van immateriële activa | 18 | -24 | -49 |
| Verwerving van materiële vaste activa | 20 | -54 | -38 |
| Verwerving van dochterondernemingen, na aftrek van verworven geldmiddelen | 0 | -94 | |
| Verwerving van overige investeringen | -21 | -12 | |
| Ontvangsten uit verkoop van immateriële vaste activa | 26 | 111 | |
| Ontvangsten uit verkoop van materiële vaste activa | 2 | 23 | |
| Ontvangsten uit verkoop van bedrijfsactiviteiten, na aftrek van overgedragen geldmiddelen | 2 | 515 | |
| Ontvangsten uit de verkoop van andere investeringen | 6 | 16 | |
| Ontvangen dividenden | 15 | 0 | 1 |
| KASSTROMEN UIT INVES TERINGSAC TIVITEITEN |
-63 | 473 | |
| Ontvangsten uit de uitgifte van aandelenkapitaal | 0 | 0 | |
| Ontvangsten uit leningen | 28 | 3336 | 528 |
| Terugbetaling van leningen | 28 | -3600 | -2 830 |
| Ontvangsten uit uitgifte obligaties | 29 | 0 | 1735 |
| Terugbetaling van verplichtingen uit hoofde van financiële leasingovereenkomsten | -2 | -2 | |
| Inkoop van eigen aandelen | 26 | 0 | 0 |
| Uitgekeerde dividenden aan UCB aandeelhouders, na aftrek van dividenden betaald op eigen | -174 | -167 | |
| aandelen | |||
| KASSTROMEN UIT INVES TERINGSAC TIVITEITEN |
-440 | -736 | |
| KASSTROMEN UIT BEËINDIGDE BEDRIJFSAC TIVITEITEN |
0 | 0 | |
| NETTO TOENA ME / AFNAME (-) VAN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALEN TEN |
3 | 32 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten verminderd met bankvoorschotten in rekening-courant bij het begin van het jaar |
25 | 466 | 434 |
| Effect van wisselkoerswijzigingen | 8 | 0 | |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALEN TENVER MINDERD MET BANKVOORSC HOTTEN IN REKENING -COURAN T AAN HET EINDEVAN HET JAAR |
25 | 477 | 466 |
5. Geconsolideerde staat van wijzigingen in het eigen vermogen
| 2010 - € miljoen | Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V. | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aandelenkapitaal en uitgiftepremies omreke ningsverschillen |
Eigen aandelen | Overgedragen resultaat |
Overige reserves | Cumulatieve omrekenings verschillen |
beschikbare Voor verkoop investeringen |
Kasstroom afdekkingen |
Afdekking van netto-investeringen |
Totaal | Minderheids belangen |
Totaal eigen vermogen |
|
| Balans per 1 januari 2010 | 2151 | -125 | 2 630 | 232 | -523 | 0 | -5 | 55 | 4415 | 2 | 4 417 |
| Winst van de periode | 103 | 103 | 1 | 104 | |||||||
| Overige gerealiseerde en niet | 180 | 1 | 7 | 188 | -1 | 187 | |||||
| gerealiseerde (-) resultaten | |||||||||||
| Gedeelte gerealiseerde en | 1 | 1 | 1 | ||||||||
| niet-gerealiseerde resultaten uit | |||||||||||
| geassocieerde ondernemingen | |||||||||||
| Totaal gerealiseerde en niet | 103 | 181 | 1 | 7 | 292 | 0 | 292 | ||||
| gerealiseerde (-) resultaten | |||||||||||
| Dividend | -173 | -173 | -173 | ||||||||
| Op aandelen gebaseerde | 15 | 15 | 15 | ||||||||
| betalingen Overboeking tussen reserves |
7 | -7 | 0 | 0 | |||||||
| Eigen aandelen | -7 | -7 | -7 | ||||||||
| Afgeleide componenten | 48 | 48 | 48 | ||||||||
| gekoppeld aan een | |||||||||||
| converteerbare obligatie | |||||||||||
| Balans per 31 december 2010 | 2151 | -125 | 2568 | 280 | -342 | 1 | 2 | 55 | 4590 | 2 | 4592 |
| 2009 - € miljoen | Aandelenkapitaal en uitgiftepremies omreke ningsverschillen |
Eigen aandelen | Overgedragen resultaat |
Overige reserves | Cumulatieve omrekenings verschillen |
Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V. beschikbare Voor verkoop investeringen |
Kasstroom afdekkingen |
Afdekking van netto-investeringen |
Totaal | Minderheids belangen |
Totaal eigen vermogen |
| Balans per 1 januari 2009 | 2 151 | -125 | 2276 | 232 | -469 | 0 | -105 | 55 | 4015 | 2 | 4017 |
| Winst van de periode | 513 | 513 | 0 | 513 | |||||||
| Overige gerealiseerde en niet gerealiseerde (- ) resultaten |
-54 | 0 | 100 | 46 | 46 | ||||||
| Totaal gerealiseerde en niet | 513 | -54 | 0 | 100 | 559 | 0 | 559 | ||||
| gerealiseerde (-) resultaten | |||||||||||
| Dividend | -166 | -166 | -166 | ||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen |
10 | 10 | 10 | ||||||||
| Overboeking tussen reserves | 3 | -3 | 0 | 0 | |||||||
| Eigen aandelen | -3 | -3 | -3 | ||||||||
| Kapitaalsverhoging | |||||||||||