Skip to main content

AI assistant

Sign in to chat with this filing

The assistant answers questions, extracts KPIs, and summarises risk factors directly from the filing text.

UCB Audit Report / Information 2010

Mar 2, 2011

4017_10-k_2011-03-02_4e8cfa11-2707-4df4-9649-c39613ec1e08.pdf

Audit Report / Information

Open in viewer

Opens in your device viewer

{# SEO P0-1: filing HTML is rendered server-side so Googlebot sees the full text without executing JS or following an iframe to a Disallow'd CDN path. The content has already been sanitized through filings.seo.sanitize_filing_html. #}

Overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten

1. Overzicht van de bedrijfsprestaties1

Dit overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten is gebaseerd op de geconsolideerde jaarrekening van de ondernemingsgroep UCB, opgesteld volgens de IFRS-normen. De afzonderlijke statutaire jaarrekening van UCB nv, opgesteld volgens de Belgische boekhoudkundige normen, evenals het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en het verslag van de commissaris, worden binnen de statutaire termijnen neergelegd bij de Nationale Bank van België en zijn verkrijgbaar op aanvraag of via onze website.

1.1. Belangrijkste hoogtepunten

• De opbrengsten zijn in 2010 met 3% gestegen tot € 3 218 miljoen. De netto-omzet steeg met 4% dankzij de sterke prestaties van de drie kernproducten Cimzia®, Vimpat® en Neupro®, een sterke verkoop van Keppra® in Europa, evenals van venlafaxine XR in Noord-Amerika, gedeeltelijk gecompenseerd door de generische concurrentie voor de portefeuille van mature producten. De royalty-inkomsten en vergoedingen daalden met 3% na het verstrijken van het intellectuele

eigendom van de biotechnologie. De overige opbrengsten stegen met 3% dankzij een hogere omzet uit contractproductie.

  • • De recurrente EBITDA bedroeg in 2010 € 731 miljoen, tegenover € 698 miljoen in 2009, wat een weerspiegeling is van de toename van de opbrengsten, enigszins gecompenseerd door de lanceringskosten voor Cimzia®, Vimpat® en Neupro® en het opstarten van nieuwe klinische ontwikkelingsprogramma's.
  • • De nettowinst daalde van € 513 miljoen in 2009 tot € 103 miljoen in 2010, als gevolg van een sterk bedrijfsresultaat in 2010, de hogere eenmalige uitgaven hoofdzakelijk voortvloeiend uit waardeverminderingskosten verbonden aan Toviaz® en eenmalige afschrijvingen in verband met de overdracht van drie fabrieken aan Aesica, gedeeltelijk geneutraliseerd door eenmalige inkomstenbelastingen. De aangepaste nettowinst voor eenmalige en exclusieve elementen bedroeg € 239 miljoen, wat 6% hoger is dan de € 226 miljoen aangepaste nettowinst voor 2009.
  • • De kern-WPA steeg van € 1,74 in 2009 naar € 1,99 per aandeel in 2010.
Actueel Verschil
€ miljoen 2010 2009 Actuele
wisselkoersen
Constante
wisselkoersen
Opbrengsten 3218 3116 3% 0%
Netto-omzet 2786 2683 4% 0%
Royalty-inkomsten en vergoedingen 220
227
-3% -7%
Overige opbrengsten 212 206 3% 0%
Brutowinst 2165 2 091 4% -1%
Marketing- en verkoopkosten -797 -781 2% -3%
Kosten voor onderzoek en ontwikkeling -705 -674 5% 2%
Algemene- en administratiekosten -194 -189 3% 1%
Overige bedrijfsbaten en –lasten (-) -2 6 n.s. n.s.
Recurrente EBIT (REBIT) 467 453 3% -7%
Niet-recurrente baten/lasten (-) -263 384 n.s. n.S.
EBIT (operationele winst) 204 837 -76% -80%
Netto financiële lasten -185 -162 14% 13%
Opbrengst uit geassocieerde ondernemingen 0 0 n.s. n.s.
Winst vóór winstbelastingen 19 675 -97% -102%
Inkomstenbelastingen(-)/tegoeden 86 -168 n.s. n.s.
Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 105 507 -79% -85%
Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten -1 7 n.s. n.s.
Minderheidsbelangen -1 -1
Nettowinst (na minderheidsbelangen) 103 513 -80% -85%
Recurrente EBITDA 731 698 5% -3%
Aangepaste nettowinst 239 226 6% -8%
Kapitaalinvesteringen (inclusief immateriële activa) 78 87 -10% n.s.
Netto financiële schuld 1525 1752 -13% n.s.
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 506 295 72% n.s.
Aantal aandelen – niet verwaterd 180 180
Winst per aandeel (€ per niet-verwaterd aandeel) 0,57 2,85 n.s. n.s.
Kern-WPA (€ per niet-verwaterd aandeel) 1,99 1,74 15% 4%

Ten gevolge van afrondingen is het mogelijk dat het totaal van bepaalde financiële cijfers in de tabellen in dit overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten niet gelijk is aan de weergegeven som.

1.2. Belangrijke gebeurtenissen in 2010

Er hebben zich een aantal belangrijke gebeurtenissen voorgedaan die UCB financieel hebben beïnvloed of zullen beïnvloeden:

Belangrijke overeenkomsten/initiatieven

  • • De uitbreiding van de productiecapaciteit voor Cimzia®: In december 2010 heeft UCB een project opgestart om een eigen biotechnologische-bacteriologische productiefaciliteit te bouwen in Bulle, Zwitserland om te kunnen voldoen aan de vraag naar UCB's kernproduct Cimzia® (certoluzimab pegol). De nieuwe productieeenheid zou in 2015 operationeel moeten zijn en is goed voor een tweefasige investering van € 250 miljoen.
  • • UCB optimaliseert productienetwerk: In december 2010 heeft UCB met Aesica, een toonaangevende farmaceutische fabrikant, een akkoord gesloten voor de overname van de huidige productiefaciliteiten van UCB in Duitsland en Italië door Aesica. De overeenkomst kadert in de strategie van UCB om het productienetwerk te optimaliseren.
  • • Strategische alliantie in neurologie met Synosia: In oktober 2010 kondigden UCB en Synosia Therapeutics een nieuwe strategische alliantie in neurologie aan. Synosia verleent aan UCB de exclusieve, wereldwijde rechten op de ontwikkelingsverbinding SYN-115 en de rechten op een tweede verbinding, SYN-118, voor niet-weesindicaties. Beide bevinden zich in de klinische ontwikkelingsfase 2 voor de behandeling van de ziekte van Parkinson. Synosia is verantwoordelijk voor de ontwikkeling tot het einde van fase 2. UCB neemt de volgende fasen en de commercialisering op zich. Bovendien werd UCB een hoofdaandeelhouder van Synosia Therapeutics. In januari 2011 werd Synosia overgenomen door Biotie Therapies, dat daarmee een toonaangevend bedrijf creëerde voor de ontwikkeling van geneesmiddelen voor het centrale zenuwstelsel. UCB heeft nu 8,94% van de aandelen van Biotie Therapies.
  • • Versterkte strategische alliantie met WILEX: In juni 2010 verwierf UCB nog eens 6,65% van de aandelen in WILEX, een partner in de ontwikkeling van de oncologieportefeuille van UCB. Daarmee verhoogde UCB zijn totale belang in WILEX tot 18,05%.
  • • Overeenkomst met Chiesi voor de marketing van Innovair® in de EU: In juli 2010 kwam UCB met Chiesi overeen dat de marketing van het astmaproduct Innovair® (beclomethasone/formoterol) in Europa zal worden overgenomen door Chiesi zelf.
  • • Afstoting van rijpe primaire zorgproducten in Japan: In mei 2010 besliste UCB om uit de primaire zorgmarkt in Japan te stappen door zijn primaire zorgproducten over te laten aan Taiho Pharmaceuticals, een filiaal van Otsuka Holdings.
  • • Beslissing om uit de primaire markt van de gezondheidszorg in de VS te stappen: Vanaf 1 maart 2010 is UCB uit de primaire markt van de gezondheidszorg in de VS gestapt. In juli 2010 werden door de UCB ook de VS-marketingrechten van zes bestaande producten overgelaten aan Actient Pharmaceutical.

Update over de reglementering en de vooruitgang van de pijplijn

Centraal zenuwstelsel (CZS)

  • • In september 2010 lanceerden UCB Japan en Otsuka Pharmaceutical met succes levetiracetam in Japan onder de merknaam E Keppra® als aanvullende therapie voor aanvallen met partieel begin bij volwassen epilepsiepatiënten.
  • • In december 2010 star tte een nieuwe fase-3-studie van brivaracetam als aanvullende therapie in de behandeling van aanvallen met partieel begin bij volwassen epilepsiepatiënten. De eerste resultaten worden in de eerste helft van 2013 verwacht.
  • • Voor het epilepsiegeneesmiddel Vimpat® (lacosamide) wordt het ontwikkelingsprogramma in de VS voor monotherapie (fase 3) voor aanvallen met partieel begin voortgezet en worden de eerste resultaten verwacht in het tweede kwartaal van 2013. Eind 2010 startte

UCB een klinische fase-3-studie in heel Europa om de efficiëntie en veiligheid van Vimpat® als monotherapie bij volwassen patiënten te beoordelen. De eerste resultaten worden tegen het einde van 2014 verwacht. De eerste positieve resultaten van het pediatrische fase-2-onderzoeksprogramma voor Vimpat® als aanvullende therapie bij kinderen zijn gemeld.Het programma voor het klinische fase-2 onderzoek van Vimpat® (lacosamide) als aanvullende therapie bij primaire algemene tonisch-klonische aanvallen (PGTCS) begon in het tweede kwartaal van 2010 en de eerste resultaten worden verwacht in de tweede helft van 2011. Sinds eind 2010 heeft UCB de wereldwijde rechten voor de ontwikkeling en marketing van Vimpat®: UCB verwierf de rechten voor Japan.

  • • In april 2010 kreeg UCB een "Complete Response Letter" van de FDA, de Amerikaanse controledienst. De FDA adviseerde daarin de herformulering van Neupro® (rotigotine) alvorens het op de Amerikaanse markt te brengen voor de behandeling van de ziekte van Parkinson (PD) en het rustelozebenensyndroom (restless legs syndrome of RLS). UCB wil in de loop van 2012 de patch beschikbaar maken voor patiënten in de VS, onder voorbehoud van goedkeuring tot registratie.
  • • UCB heeft Xyrem® (natriumoxybaat) tegen fibromyalgie ingediend bij het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA). UCB verwacht in de eerste helft van 2011 antwoord van de Europese instanties.
  • • Het fase-1-programma voor UCB2892, een H3-antagonist met een potentieel voor cognitieve stoornissen, is door UCB beëindigd omdat tests een ongunstig risico-batenprofiel voor dit kandidaatgeneesmiddel aantoonden.
  • • UCB0942, een nieuw kandidaat-geneesmiddel met een innovatief werkingsmechanisme, pre- en postsynaptische inhibitie (PPSI), werd ontwikkeld voor de behandeling van refractaire epilepsie. In december 2010 werden fase-1-studies opgestart.

Immunologie

  • • Twee clinische studies van Cimzia® (certolizumab pegol) bij de behandeling van reumatoïde artritis (RA) in Japan werd veel eerder dan gepland positief afgerond en beide onderzoeken beantwoordden aan de vooropgestelde doelstellingen. De indiening van een aanvraag voor goedkeuring tot registratie bij de Japanse overheden wordt voorbereid in samenwerking met Otsuka Pharmaceutical.
  • • In december 2010 star tte de inschrijving voor het fase-3-programma (EMBODY™ 1 en EMBODY™ 2) voor epratuzumab bij patiënten met matige tot ernstige systemische lupus erythematosus. Er moeten ongeveer 780 toevallig verdeelde patiënten voor elke studie worden gerekruteerd. De eerste resultaten worden in de eerste helft van 2014 verwacht.
  • • CDP7851 ('sclerostineantilichaam', ook bekend als AMG 785), een nieuwe anabolische therapie voor botmassaverlies, zit momenteel in de fase-2-ontwikkeling voor postmenopauzale osteoporose en de genezing van breuken. De eerste resultaten van beide studies worden respectievelijk verwacht in het tweede kwartaal van 2011 en 2012.
  • • Het fase-2b-programma ontwikkeld voor olokizumab (anti-IL 6) voor de behandeling van matige tot ernstige reumatoïde artritis (RA) startte eerder dan voorzien, nl. eind 2010. De eerste resultaten worden in het derde kwartaal van 2012 verwacht.
  • • In april 2010 kwam er een nieuwe verbinding in de ontwikkelingsfase 1: CDP7657, een gehumaniseerd anti-CD40L-fragment van een antilichaam dat potentieel heeft tegen systemische lupus erythematosus (SLE).

Andere

• MEK-inhibitor: UCB's partner WILEX AG, München/Duitsland, kondigde in juni 2010 de succesvolle voltooiing aan van een fase-Idosisescalatiestudie met de oncologische MEK-inhibitor WX-554, waarin voor het eerst werd aangetoond dat WX-554 actief is bij mensen.

2. Beheersverslag1

Wijzigingen in de consolidatiekring: Door de overname van Schwarz Pharma heeft UCB een nieuwe stap gezet naar het biofarmaceutisch leiderschap. UCB consolideerde de balans van Schwarz Pharma Group per 31 december 2006 en de resultaten vanaf 1 januari 2007. Op 8 mei 2009 maakte UCB bekend dat het in een 'squeeze-out' procedure de door minderheidsaandeelhouders gehouden aandelen van Schwarz Pharma wilde verwerven. Sinds 8 juli 2009 bezit UCB 100% van de uitstaande aandelen.

Als gevolg van de afstoting van de resterende niet-farmaceutische activiteiten (zoals Surface Specialities) in februari 2005 rapporteert UCB de resultaten van deze activiteiten als deel van de winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten.

Recurrente en niet-recurrente posten: Eenmalige transacties en beslissingen die de resultaten van UCB beïnvloeden, worden afzonderlijk weergegeven ('niet-recurrente posten'). Naast de EBIT (winst vóór rente en belastingen of operationele winst) is een regel voor 'recurrente EBIT' (REBIT of recurrente operationele winst) opgenomen die de lopende rentabiliteit van de biofarmaceutische activiteiten van de onderneming weerspiegelt. De recurrente EBIT is gelijk aan de regel 'operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van activa, herstructurering en overige baten en lasten' in de geconsolideerde jaarrekening.

Aangepaste nettowinst: Eenmalige transacties en beslissingen die de resultaten van UCB voor beide beschouwde periodes beïnvloeden, worden afzonderlijk behandeld ('niet-recurrente posten' en 'eenmalige posten'). Ter vergelijking werd een regel opgenomen voor 'aangepaste nettowinst', die de lopende winst na belastingen van de biofarmaceutische activiteiten weergeeft. De aangepaste nettowinst is gelijk aan de regel 'winst' in de geconsolideerde jaarrekening, aangepast voor nietvoortgezette activiteiten en de impact na belasting van niet-recurrente posten en eenmalige posten.

Kern-WPA: De aangepaste nettowinst, zoals hierboven gedefinieerd, met toevoeging van de afschrijving na belasting van immateriële activa die gekoppeld zijn aan de verkoop, per niet-verwaterd aandeel.

Kernproducten: De 'kernproducten' zijn de nieuw gelanceerde producten van UCB, meer bepaald Cimzia®, Vimpat® en Neupro®. UCB's prioriteit is de verdere lancering en groei van deze drie producten.

2.1. Netto-omzet per product – de totale netto-omzet bedraagt € 2786 miljoen of 4% meer dan de vorige periode

Actueel Verschil
€ miljoen 2010 2009 Actuele
wisselkoersen
Constante
wisselkoersen
Kernproducten
Cimzia® 198 75 163% 151%
Vimpat® 133 46 190% 179%
Neupro® 82 61 34% 33%
Andere producten
Keppra® (inclusief Keppra® XR) 942 913 3% 0%
Zyrtec® (inclusief Zyrtec-D®/Cirrus®) 229 268 -15% -22%
venlafaxine XR 162 109 49% 42%
Xyzal® 115 132 -13% -16%
Tussionex™ 80 147 -46% -48%
Nootropil® 66 70 -5% -9%
omeprazole 65 64 1% -4%
Metadate™ CD 54 72 -26% -30%
Andere 660 727 -9% -12%
Totale netto-omzet 2786 2 683 4% 0%

Kernproducten

Cimzia® (certolizumab pegol), beschikbaar in de VS (sinds mei 2009) en in Europa (oktober 2009) voor patiënten die lijden aan matige tot ernstige actieve reumatoïde artritis (RA) en beschikbaar in de VS (april 2008) en Zwitserland voor de ziekte van Crohn (CD), haalde een netto-omzet van € 198 miljoen, een stijging met 163%.

Vimpat® (lacosamide), voor epilepsie, beschikbaar in Europa (sinds september 2008) en in de VS (juni 2009) als aanvullende therapie in de behandeling van aanvallen met partieel begin, haalde een netto-omzet van € 133 miljoen, een stijging van 190%.

Neupro® (rotigotine), beschikbaar voor patiënten in Europa met de ziekte van Parkinson en het rustelozebenensyndroom (RLS), vertoonde een stijging in de netto-omzet tot € 82 miljoen (+34%)

Andere producten

Keppra® (levetiracetam), voor epilepsie, gaf een netto-omzet van € 942 miljoen (waarvan € 83 miljoen voor Keppra® XR in de VS), wat 3% meer is dan vorig jaar. De verdere erosie na het verstrijken van het octrooi in Noord-Amerika (-13%), het marktleiderschap in Europa (+11%) en in de rest van de wereld (+21%) zijn bepalend voor deze prestatie.

Zyrtec® (cetirizine, inclusief Zyrtec®-D/Cirrus®), voor allergie, noteerde een daling van de netto-omzet met 15% tot € 229 miljoen, ten gevolge van de afstoting van niet-strategische kleine markten aan GlaxoSmithKline (GSK) in het eerste kwartaal van 2009. De Europese omzet bleef stabiel, terwijl de Japanse omzet met 12% daalde.

Venlafaxine XR, voor de behandeling van zware depressieve en sociale angststoornissen, haalde 49% meer netto-omzet, meer bepaald € 162 miljoen in de VS, ondanks de generische concurrentie sinds augustus 2010. UCB heeft de exclusieve rechten van Osmotica om venlafaxine hydrochloride XR in de VS op te markt te brengen en te verkopen.

Ten gevolge van afrondingen is het mogelijk dat het totaal van bepaalde financiële cijfers in de tabellen in dit overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten niet gelijk is aan de weergegeven som.

Xyzal® (levocetirizine), voor allergie, noteerde een netto-omzet van € 115 miljoen, een daling van 13% als gevolg van de generische concurrentie in Europa. De omzet van Xyzal® in de VS is niet geconsolideerd. Het aandeel van UCB in de winstdelingsovereenkomst met sanofi-aventis in de VS is opgenomen onder 'overige opbrengsten'.

Tussionex™ (hydrocodonpolistirex en chlorfeniraminepolistirex), een hoestmiddel in de VS, werd getroffen door een zwak hoest- en verkoudhedenseizoen en bovendien noteerde de markt een verschuiving naar producten op basis van codeïne en heerste er generische concurrentie sinds oktober 2010. De netto-omzet behaalde € 80 miljoen (-46%), inclusief de netto-omzet van het generische geneesmiddel, dat door de generische afdeling van UCB in de VS werd gelanceerd.

Nootropil® (piracetam), tegen cognitieve stoornissen, behaalde een netto-omzet van € 66 miljoen (-5%), met een stabiele verkoop in Europa en een daling in de rest van de wereld.

Omeprazole, een generisch product tegen hyperaciditeit, noteerde een netto-omzet van € 65 miljoen, 1% hoger dan vorig jaar.

Metadate™ CD (methylfenidaat HCI), tegen ADHD en verkocht in de VS, noteerde een netto-omzet van € 54 miljoen, een daling van 26%. Het product werd ook verkocht onder het handelsmerk Equasym® XL in Europa en de rest van de wereld en werd begin 2009 aan Shire verkocht.

Overige producten: De netto-omzet voor andere mature producten daalde met 9% tot € 660 miljoen, als gevolg van afgestoten producten, generische concurrentie en het verstrijken van de portefeuille.

Netto-omzet per geografisch gebied

Noord-Amerika: De netto-omzet steeg in 2010 met 8% tot € 1 024 miljoen. Cimzia®, voor patiënten die lijden aan de ziekte van Crohn (CD) en reumatoïde artritis (RA), noteerde een stijging van de netto-omzet met 137% tot € 166 miljoen. Het anti-epilepticum Vimpat® haalde een netto-omzet van € 96 miljoen, een stijging van 220%. De franchise voor Keppra® daalde tot € 278 miljoen, een verlies van 13% ten opzichte van het voorgaande jaar. Terwijl de Keppra® netto-omzet (dat eind 2008 de exclusiviteit verloor) te kampen heeft met verdere erosie na het verstrijken van het octrooi (-27%), steeg de netto-omzet van Keppra® XR met 50% tot € 83 miljoen. De netto-omzet van Tussionex™ werd beïnvloed door een zwak hoest- en verkoudhedenseizoen en de markt kende sinds oktober 2010 een verschuiving naar producten op basis van codeïne en generische concurrenten. De netto-omzet behaalde € 80 miljoen (-46%), met inbegrip van de netto-omzet van het generische geneesmiddel gelanceerd door de generische afdeling van UCB in de VS. Venlafaxine XR noteerde een netto-omzet van € 162 miljoen (+49%) ondanks de generische concurrentie sinds augustus 2010.

Europa: De netto-omzet bedroeg € 1 421 miljoen in 2010, een stijging met 4%. De netto-omzet van Cimzia® steeg van € 5 miljoen in 2009 tot € 31 miljoen in 2010, dankzij verdere nationale lanceringen in heel Europa. Het nieuwe epilepsiegeneesmiddel Vimpat® haalde met € 36 miljoen meer dan een verdubbeling van de netto-omzet. Neupro® voor de behandeling van de ziekte van Parkinson en het rustelozebenensyndroom haalde een netto-omzet van € 81 miljoen, een stijging van 34% ten opzichte van het voorgaande jaar. De netto-omzet van marktleider Keppra® nam toe met 11% en bedroeg € 606 miljoen. De daling bij de allergiegeneesmiddelen Xyzal® (€ 88 miljoen; -22%) en Zyrtec® (€ 71 miljoen; -4%) was het gevolg van de generische concurrentie in de meeste Europese landen.

In de rest van de wereld bedroeg de netto-omzet in

2010 € 348 miljoen, een verlies van 7%. Zonder rekening te houden met de afstoting van de markten ten voordele van GSK in 2009, nam de netto-omzet in de rest van de wereld toe met 2%. De drie nieuwe kernproducten, Cimzia®, Vimpat® en Neupro®, zijn nu beschikbaar voor patiënten in dit gebied, met eerste lanceringen in Australië, Hongkong, Mexico en andere markten. Elk kernproduct haalde een netto-omzet van € 1 miljoen. Marktleider Keppra® verhoogde de netto-omzet met 21% tot € 58 miljoen.

De netto-omzet in Japan daalde met 8% tot € 178 miljoen, door de lagere netto-omzet van Zyrtec® tot € 133 miljoen (-12%). De netto-omzet van de nieuw gelanceerde producten van UCB in Japan, E Keppra® en Xyzal®, bereikte € 16 miljoen.

De netto-omzet van Zyrtec® in de andere landen in de rest van de wereld nam eveneens af.

Verschil 2010/2009
Actueel Actuele wisselkoersen constantEwisselkoersen
€ miljoen 2010 2009 € Miljoen % € Miljoen %
Netto-omzet Noord-Amerika 1 024 948 75 8% 25 3%
Kernproducten
Cimzia® 166 70 96 137% 88 125%
Vimpat® 96 30 66 220% 61 205%
Andere producten
Keppra® (inclusief Keppra® XR) 278 320 -43 -13% -57 -18%
Tussionex™ 80 147 -67 -46% -71 -48%
venlafaxine XR 162 109 53 49% 46 42%
Andere 243 273 -30 -11% -42 -15%
Netto-omzet Europa 1 421 1 370 51 4% 32 2%
Kernproducten
Cimzia® 31 5 26 518% 26 509%
Vimpat® 36 16 20 129% 20 127%
Neupro® 81 60 20 34% 20 33%
Andere producten
Keppra® 606 545 61 11% 54 10%
Xyzal® 88 114 -26 -22% -27 -24%
Zyrtec® (inclusief Cirrus®) 71 73 -3 -4% -6 -8%
Nootropil® 57 57 0 0% -2 -3%
Andere 451 500 -49 -10% -53 -11%
Netto-omzet rest van de wereld 348 375 -28 -7% -64 -17%
Kernproducten
Cimzia® 1 0 1 n.s. 0 n.s.
Vimpat® 1 0 1 n.s. 0 n.s.
Neupro® 1 0 1 n.s. 1 n.s.
Andere producten
Zyrtec® (inclusief Cirrus®) 150 183 -33 -18% -49 -27%
Keppra® 58 48 10 21% 3 6%
Xyzal® 25 17 8 48% 5 31%
Nootropil® 9 13 -3 -27% -4 -35%
Andere producten 103 114 -11 -10% -18 -16%
Niet toegewezen -7 -11
Totaal netto-omzet 2 786 2 683 102 4% -4 0%

2.3. Royalty-inkomsten en vergoedingen

Actueel Verschil
€ miljoen 2010 2009 Actuele
wisselkoersen
Constante
wisselkoersen
Biotechnologische IE 98 116 -16% -20%
Toviaz® 52 41 28% 28%
Zyrtec® VS 19 23 -18% -22%
Andere 51 48 8% 3%
Royalty-inkomsten en vergoedingen 220 227 -3% -7%

Voor 2010 bedroegen de royalty-inkomsten en vergoedingen € 220 miljoen, een verlies van € 7 miljoen of 3% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. De royalty's voor UCB's biotechnologische intellectuele eigendom (IE) daalde met 16% als gevolg van het verstrijken van de 'winteroctrooien' medio 2010. De royalty's voor Toviaz®

(fesoterodine) stegen met 28% tot € 52 miljoen. De royalty's in de VS voor Zyrtec® ontvangen bij de verkoop zonder voorschrift bedroegen in 2010 € 19 miljoen, tegenover € 23 miljoen in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. De royaltylasten worden opgenomen als onderdeel van de kostprijs van de omzet.

2.4. Overige opbrengsten

Actueel Verschil
€ miljoen 2010 2009 Actuele
wisselkoersen
Constante
wisselkoersen
Omzet uit contractproductie 101 94 8% 5%
Winstdeling Provas™ en andere 33 25 29% 29%
Mijlpalen/winstdeling Xyzal® in de VS 28 47 -41% -44%
Otsuka 20 26 -24% -25%
Andere 30 14 123% 127%
Overige opbrengsten 212 206 3% 0%

De overige opbrengsten voor 2010 bedroegen € 212 miljoen, een stijging van 3% of € 6 miljoen.

De stijging in de omzet uit contractproductie tot € 101 miljoen, 8% meer in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar, was hoofdzakelijk het resultaat van de in 2009 aangekondigde overeenkomsten met GSK en Shire.

De winstdelingsovereenkomst met Novartis voor de cardiovasculaire middelen Provas™, Jalra® en Icandra® in Duitsland vertegenwoordigt

€ 33 miljoen, een toename van 29%. De winstdeling met sanofi-aventis voor Xyzal® in de VS was goed voor € 28 miljoen, een daling van 41%. Sinds 1 maart 2010 staat sanofi-aventis VS volledig in voor de commercialisering van Xyzal®. UCB blijft een percentage van de winst op Xyzal® ontvangen, zij het minder dan vroeger. De overige opbrengsten in verband met Otsuka in 2010 hebben betrekking tot de terugbetaling van de O&O-uitgaven en mijlpalen opgenomen als onderdeel van de overeenkomsten die Otsuka en UCB in juni 2008 sloten voor E Keppra® en Cimzia® in Japan.

2.5. Brutowinst

Actueel Verschil
€ miljoen 2010 2009 Actuele
wisselkoersen
Constante
wisselkoersen
Opbrengsten 3 218 3 116 3% 0%
Netto-omzet 2 786 2 683 4% 0%
Royalty-inkomsten en vergoedingen 220 227 -3% -7%
Overige opbrengsten 212 206 3% 0%
Kostprijs van de omzet -1 053 -1 025 3% 1%
Kostprijs van de omzet voor producten en diensten -724 -769 -6% -6%
Royaltylasten -155 -128 22% 18%
Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van immateriële -173 -128 36% 33%
activa
Brutowinst 2 165 2 091 4% -1%
waarvan
Producten en diensten 2 273 2 119 7% 2%
Netto royalty-inkomsten 64 100 -35% -38%
Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van immateriële
activa
-173 -128 36% 33%

De brutowinst van € 2 165 miljoen is 4% hoger dan in 2009 als gevolg van de stijging van de netto-omzet en maakt de toegenomen royaltylasten voor de nieuw gelanceerde producten en de afschrijving van deze producten meer dan goed.

De kostprijs van de omzet bestaat uit drie componenten: de kostprijs van de omzet voor producten en diensten, de royaltylasten en de afschrijvingen van aan de omzet gekoppelde immateriële activa:

Kostprijs van de omzet voor producten en diensten: De kostprijs van de omzet voor producten en diensten daalde met € 45 miljoen van € 769 miljoen in 2009 tot € 724 miljoen in 2010. Die daling is het gecombineerde resultaat van de industriële efficiëntie op het gebied van rendement en afval, de consolidatie van externe partners en verbeteringen in de biotechnologische productie.

Royaltylasten: De royalty's stegen van € 128 miljoen in 2009 tot € 155 miljoen in 2010 tengevolge van de royalty's voor de nieuw gelanceerde producten (Cimzia®, Vimpat®) en venlafaxine XR.

Actueel Verschil
€ miljoen 2010 2009 Actuele
wisselkoersen
Constante
wisselkoersen
Biotechnologische IE -36 -33 10% 6%
Andere -119 -95 25% 37%
Royaltylasten -155 -128 22% 18%

Afschrijving van aan de omzet gekoppelde immateriële activa:

Volgens IFRS 3 (Bedrijfscombinaties) heeft UCB in zijn balans een aanzienlijk bedrag aan immateriële activa opgenomen die verband houden met de overname van Celltech en Schwarz Pharma (lopend onderzoek en ontwikkeling, productie van knowhow, royaltystromen, handelsbenamingen, enz.) en die aanleiding gaven tot € 173 miljoen afschrijvingskosten in 2010, tegenover € 128 miljoen in 2009, als gevolg van de afschrijving van immateriële activa waarvoor al nieuwe producten zijn gelanceerd.

2.6. Recurrente EBIT en recurrente EBITDA

Actueel Verschil
€ miljoen 2010 2009 Actuele
wisselkoersen
Constante
wisselkoersen
Opbrengsten 3218 3116 3% 0%
Netto-omzet 2786 2683 4% 0%
Royalty-inkomsten en vergoedingen 220 227 -3% -7%
Overige opbrengsten 212 206 3% 0%
Brutowinst 2165 2 091 4% -1%
Marketing- en verkoopkosten -797 -781 2% -3%
Kosten voor onderzoek en ontwikkeling -705 -674 5% 2%
Algemene en administratiekosten -194 -189 3% 1%
Overige bedrijfsbaten en –lasten (-) -2 6 n.s. n.s.
Totale operationele lasten -1 698 -1638 4% 0%
Recurrente EBIT (REBIT) 467 453 3% -7%
plus: afschrijving van immateriële activa 190 142 33% 30%
plus: afschrijvingslasten 73 102 -28% -31%
Recurrente EBITDA (REBITDA) 731 698 5% -3%

De bedrijfskosten, die de marketing- en verkoopkosten, de kosten voor onderzoek en ontwikkeling, de algemene en administratiekosten en andere bedrijfsopbrengsten/-lasten omvatten, bedroegen € 1 698 miljoen in 2010, 4% meer dan vorig jaar, als gevolg van:

€ 16 miljoen meer marketing- en verkoopkosten, of een toename van 2%, voornamelijk door de hogere lanceringskosten voor Cimzia®, Vimpat® en Neupro®.

€ 31 miljoen meer kosten voor onderzoek en ontwikkeling, of een toename van 4%, als gevolg van het gevorderde eindstadium van de pijplijn en het opstarten van klinische ontwikkelingsprogramma's.

€ 5 miljoen meer algemene en administratiekosten, of een toename van 3%.

De recurrente EBIT stijgt met 3%, voornamelijk door de stijging van de netto-omzet.

De recurrente EBITDA stijgt met 5% tot € 731 miljoen in vergelijking met 2009, als gevolg van de hogere opbrengsten en brutowinst, verminderd door de lanceringskosten voor de kernproducten en het opstarten van klinische ontwikkelingsprogramma's.

2.7. Nettowinst en aangepaste nettowinst

Actueel Verschil
€ miljoen 2010 2009 Actuele
wisselkoersen
Constante
wisselkoersen
Recurrente EBIT 467 453 3% -7%
Kosten van bijzondere waardeverminderingen -223 -126 78% 73%
Reorganisatiekosten -40 -73 -46% -48%
Boekwinst 49 594 n.s. n.s.
Andere niet-recurrente baten/lasten (-) -49 -11 n.s. n.s.
Totaal niet-recurrente baten/lasten (-) -263 384 n.s. n.s.
EBIT (operationele winst) 204 837 -76% -80%
Netto financiële lasten -185 -162 14% 13%
Opbrengsten uit geassocieerde ondernemingen 0 n.s. n.s.
Winst vóór winstbelastingen 19 675 -97% -102%
Winstbelastingen (-)/tegoeden 86 -168 n.s. n.s.
Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 105 507 -79% -85%
Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten -1 7 n.s. n.s.
Minderheidsbelangen -1 -1 n.s. n.s.
Nettowinst 103 513 -80% -85%
Niet-recurrente posten en eenmalige financiële posten na
belastingen
216 -298 n.s. n.s.
Winst/verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 1 -7 n.s. n.s.
Eenmalige belastingen -81 17 n.s. n.s.
Aangepaste nettowinst (na minderheidsbelangen) 239 226 6% -8%

De totale niet-recurrente baten/lasten bedroegen € 263 miljoen vóór belastingen, tegenover € 384 miljoen baten vóór belastingen in 2009. De niet-recurrente posten van 2009 omvatten herstructureringskosten voor een bedrag van wel € 73 miljoen, hoofdzakelijk voor de reorganisatie in België en het VK en omdat UCB uit de primaire markt van de gezondheidszorg in de VS stapte, zoals was aangekondigd in januari 2010. De waardevermindering op immateriële activa in 2009 is hoofdzakelijk het gevolg van de waardevermindering op het ontwikkelingsproject CDP323 en de waardevermindering in het gebruik van andere materiële en immateriële activa voor in totaal € 126 miljoen. De boekwinst in 2009 bedroeg € 594 miljoen vóór belastingen of € 477 miljoen nettowinst na belastingen, hoofdzakelijk op de afstoting van commerciële bedrijfsactiviteiten en distributierechten voor producten voor geselecteerde kleinere markten ten voordele van GSK, de afstoting van Equasym® aan Shire en de afstoting van Somatostatine-UCB™ aan Eumedica.

De niet-recurrente posten in 2010 omvatten € 223 miljoen aan waardeverminderingskosten, hoofdzakelijk met betrekking tot Toviaz®, Mylotarg® en de verkoop van fabrieken aan Aesica. In de € 40 miljoen herstructureringskosten zitten de PCP-activiteiten in Japan en Turkije, kosten in verband met het SHAPE-programma en andere opzeggingskosten. De afstoting van kleine activiteiten brachten een boekwinst mee van € 49 miljoen, geneutraliseerd door andere niet-recurrente lasten ter waarde van € 49 miljoen, hoofdzakelijk met betrekking tot afschrijvingen van de drie aan Aesica verkochte fabrieken ten bedrage van € 20 miljoen en lasten gerelateerd tot het Amerikaanse ministerie van Justitie. Sedert 2008, zoals vroeger gerapporteerd, heeft UCB samengewerkt met het Amerikaanse ministerie van Justitie in een onderzoek naar de marketing van Keppra®. De onderneming heeft onlangs een princiepsakkoord met de VS en participerende staten om het onderzoek in der minne te schikken. Onder het princiepsakkoord zal UCB Inc. schuldig pleiten voor strafbare overtreding, USD 8,6 miljoen betalen en in een burgerlijke schikking treden van USD 25,8 miljoen plus bescheiden interest. UCB werkt verder met de autoriteiten om dit onderzoek te beëindigen. De problemen die aan de basis lagen van dit onderzoek vonden plaats meer dan zes jaar geleden. Van dan af aan heeft UCB een compliance programma opgezet en voortdurend verbeterd. UCB's compliance programma weerspiegelt de ondernemingsverbintenis tot de hoogste standaard van bedrijfsvoering.

De netto financiële lasten stegen van € 162 miljoen in 2009 naar € 185 miljoen in 2010, of met € 23 miljoen. Vorig jaar omvatten de financiële lasten de schuldherfinanciering en bepaalde lasten met betrekking tot herfinanciering, onder andere een versnelde aflossing van regelingsvergoedingen en de beëindiging van hedge accounting op bestaande rentehedges. De toegenomen netto financiële lasten in 2010 zijn te wijten aan de hogere rentevoeten, vergoedingen, de eenmalige intrekking van € 7 miljoen van de optie voor contante betaling in verband met de converteerbare obligatie in februari 2010 en de beëindiging van hedge accounting op rentederivaten.

Het gemiddelde belastingtarief op recurrente activiteiten bedraagt 23% in 2010, tegenover 29% in dezelfde periode vorig jaar. Het verschil is voornamelijk te wijten aan verminderde inkomsten in hoge belastingsjurisdicties. De niet-recurrente elementen omvatten € 81 miljoen aan eenmalige belastingstegoeden die voornamelijk afkomstig zijn van het positieve resultaat van belastingsvorderingen, de omkeer van bepaalde belastingsprovisies ten gevolgen van de verstrijking van het statuut van beperktheid, aanpassing van provisies en de herkenning van vroegere niet herkende uitgestelde belastingsvorderingen.

De nettowinst na minderheidsbelangen voor het jaar bedroeg € 103 miljoen, d.i. € 410 miljoen minder dan vorig jaar, als gevolg van de hogere niet-recurrente lasten en eenmalige belastingsinkomsten.

Na aanpassing voor de impact na belasting van eenmalige posten en eenmalige financiële lasten en voor de bijdrage na belasting uit niet-voortgezette activiteiten bedroeg de aangepaste nettowinst € 239 miljoen, 6% minder dan de € 226 miljoen aangepaste nettowinst van 2009.

2.8. Kapitaaluitgaven

De materiële vaste activa voortvloeiend uit de biofarmaceutische activiteiten van UCB bedroegen € 54 miljoen in 2010, tegenover € 38 miljoen in 2009. De kapitaaluitgaven in 2010 hielden vooral verband met de verbetering en vervanging, evenals met investeringen ter ondersteuning van nieuwe producten, een nieuwe biotechnologische pilotfabriek in Eigenbrakel (België) en leverings mechanismen.

De verwerving van immateriële vaste activa kostte € 24 miljoen in 2010 (tegenover € 49 miljoen in 2009) voor de betaling van licentieproducten, mijlpalen en software.

Bovendien heeft UCB, zoals bepaald in de overeenkomst tussen UCB en Lonza voor de productie door Lonza van gepegyleerde actieve bulkproducten op basis van antilichaamfragmenten, deelgenomen in de voorfinanciering van de betreffende kapitaaluitgaven. De afschrijvingskosten op deze investering zijn opgenomen in de kosten van verkochte goederen en werden weer toegevoegd met het oog op de berekening van de recurrente EBITDA.

2.9. Balans

Immateriële activa: Als gevolg van de lopende afschrijving van de immateriële activa in verband met de overname van Celltech en Schwarz Pharma (€ 173 miljoen), de waardevermindering (€ 193 miljoen) vooral op de royaltystroom voor fesoterodine en de impact van de stijging van de Amerikaanse dollar en het Britse pond, daalden de immateriële activa met € 312 miljoen van € 1 953 miljoen per 31 december 2009 tot € 1 641 miljoen per 31 december 2010.

Goodwill: De goodwill bedraagt € 4 718 miljoen, of een stijging van € 166 miljoen tussen 31 december 2009 en 31 december 2010, door de stijging van de Amerikaanse dollar en het Britse pond.

Overige vaste activa: De overige vaste activa stegen met € 57 miljoen, hoofdzakelijk dankzij de investeringen in WILEX AG en Synosia Therapeutics Holding AG, de opname van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingsvorderingen, geneutraliseerd door de verdere waardevermindering van de materiële vaste activa.

Vlottende activa: De daling van € 1 794 miljoen per 31 december 2009 naar € 1 731 miljoen per 31 december 2010 is hoofdzakelijk een weerspiegeling van een daling van de handelsvorderingen als gevolg van incasso's in verschillende markten en de uitvoering van de herfinanciering.

Eigen vermogen: Het eigen vermogen van UCB, € 4 592 miljoen, steeg met € 175 miljoen tussen 31 december 2009 en 31 december 2010. Het eigen vermogen steeg met het bedrag van de nettowinst na minderheidsbelangen (€ 103 miljoen), de cumulatieve omrekeningsverschillen als gevolg van de stijging van de Amerikaanse dollar en het Britse pond (€ 180 miljoen), de derivaatcomponent gekoppeld aan de converteerbare obligatie (€ 48 miljoen) en de aanpassingen aan de reële waarde in verband met de afgeleide financiële instrumenten, de voor verkoop beschikbare financiële activa en de kasstroomafdekkingen (€ 14 miljoen), en met € 173 miljoen door gedeclareerde dividenden op de resultaten over 2009.

Langlopende schulden: De daling van de langlopende schulden van € 2 641 miljoen naar € 2 524 miljoen heeft vooral te maken met de uitgestelde belastingverplichtingen op de afschrijving van immateriële activa, de opname van de uitgestelde belastingverplichtingen op de intrekking van de optie voor contante betaling in verband met de converteerbare obligatie in februari 2010 en de daling in afgeleide financiële instrumenten.

Kortlopende schulden: De daling van de kortlopende schulden van € 2 062 miljoen naar € 1 853 miljoen is het gevolg van een daling in de voorzieningen voor het SHAPE-programma, de terugbetaling van de schuld en een stijging van de handels- en andere verplichtingen.

Nettoschuld: De nettoschuld van € 1 525 miljoen is verminderd met € 227 miljoen, tegenover € 1 752 miljoen eind december 2009.

2.10. Kasstroomoverzicht

De evolutie van door de biofarmaceutische activiteiten gegenereerde kasstromen wordt beïnvloed door de volgende elementen:

Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten: De hogere kasstroom uit operationele activiteiten, gestegen van € 295 miljoen naar € 506 miljoen, is het gevolg van sterke operationele prestaties, een belangrijke daling in de handelsvorderingen door incasso's, hogere schulden tegenover leveranciers en handelskredieten, maar ook van betalingen in verband met de herstructureringsprogramma's.

Kasstromen uit investeringsactiviteiten: De kasstroom uit investeringsactiviteiten bedroeg € 473 miljoen instroom in 2009 en werd vooral veroorzaakt door de afstoting van commerciële activiteiten en distributierechten voor producten voor geselecteerde kleinere markten naar GSK, de afstoting van Equasym® naar Shire, de afstoting van Somatostatine-UCBTM naar Eumedica. De uitstroom van € 63 miljoen in 2010 vloeit voort uit de besteding van € 78 miljoen aan materiële en immateriële activa, een stijging van de aandelen in WILEX AG naar 18,05% en de investering voor 19,06% in Synosia Therapeutics Holding AG, gecompenseerd door de opbrengsten bij de afstoting van kleine activiteiten.

De kasstromen uit financieringsactiviteiten vertonen een uitstroom van € 440 miljoen door de terugbetaling van het kortlopende gedeelte van de leningen van de Groep en de dividenduitkering met betrekking tot de resultaten van 2009.

2.11. Vooruitzichten voor 2011

In 2011 zullen de resultaten van UCB ondersteund worden door de voortgaande intense groei van Cimzia®, Vimpat® en Neupro® wat voor een groot deel – maar niet volledig- de impact van het verstrijken van de overblijvende octrooien zal opvangen. Vanaf 2012 zou een periode van meer dan tien jaar moeten aanbreken waarin geen belangrijke octrooien meer zullen verstrijken, wat een stevige basis zal vormen voor de aanhoudende groei van UCB.

De opbrengsten voor 2011 zullen naar verwachting tussen de € 3,0 en € 3,1 miljard bedragen, als gevolg van de generische concurrentie voor Keppra® in de EU en de volledige generische concurrentie op jaarbasis voor VS-producten, evenals de verdere erosie van onze mature producten, gedeeltelijk gecompenseerd door de prestatie van de nieuw gelanceerde producten.

In 2011, de recurrente EBITDA zal naar verwachting schommelen tussen € 650 en 680 miljoen.

De kern-WPA zal naar verwachting ongeveer € 1,60 à € 1,70 bedragen.

Consolidated Financial Statements

1. Geconsolideerde winst- en verliesrekening

Voor het boekjaar eindigend op 31 december Note 2010 2009
€ Miljoen
Voortgezette bedrijfsactiviteiten
Netto-omzet 5 2786 2 683
Royalties 220 227
Overige opbrengsten 8 212 206
Opbrengsten 3218 3 116
Kostprijs van de omzet -1053 -1025
Brutowinst 2 165 2091
Marketing- en verkoopkosten -797 -781
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten -705 -674
Algemene- en administratiekosten -194 -189
Overige bedrijfsbaten en -lasten (-) 11 -2 6
Operationele winst vóór bijzondere waarde-vermindering van activa,
reorganisatiekosten en overige bedrijfsbaten en –lasten 467 453
Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa 12 -223 -126
Reorganisatiekosten 13 -40 -73
Overige baten en lasten (-) 14 0 583
Operationele winst 204 837
Financiële inkomsten 15 9 59
Financieringskosten 15 -194 -221
Opbrengsten uit geassocieerde ondernemingen 21 0 -
Winst / verlies (-) vóór winstbelastingen 19 675
Winst(belastingen)/-tegoeden 16 86 -168
Winst / verlies (-) uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 105 507
Beëindigde bedrijfsactiviteiten
Winst /verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 7 -1 7
Winst 104 514
Toerekenbaar aan:
aandeelhouders van UCB N.V. 103 513
Minderheidsbelangen 1 1
Gewone winst per aandeel (€)
Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 37 0,58 2,81
Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 37 -0,01 0,04
Totale gewone winst per aandeel 0,57 2,85
Verwaterde winst per aandeel (€)
Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 37 0,57 2,71
Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 37 -0,01 0,04
Totale verwaterde winst per aandeel 0,56 2,75

2. Geconsolideerde overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten

Voor het boekjaar eindigend op 31 december Note 2010 2009
€ miljoen
Winst van de periode 104 514
Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
Netto winst/(verlies) op de voor verkoop beschikbare investeringen 17 1 0
Winstbelasting 0 0
1 0
Wisselkoersverschillen op omzetting van buitenlandse activiteiten 179 -54
Effectief gedeelte van winst/(verlies) op kasstroomafdekkingen 17 7 102
Winstbelasting 0 -2
7 100
Netto winst/(verlies) op afdekking van netto-investeringen in buitenlandse activiteiten 17 0 0
Winstbelasting 0 0
0 0
Gedeelte gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten uit geassocieerde ondernemingen 21 1 0
Winstbelasting 0 0
1 0
Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde (-) resultaten, voor de periode, na belastingen 188 46
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde (-) resultaten voor de periode, na belastingen 292 560
Toerekenbaar aan:
Aandeelhouders van UCB N.V. 293 560
Minderheidsbelangen -1 0
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde (-) resultaten voor de periode, na belastingen 292 560

3. Geconsolideerde balans

Voor het boekjaar eindigend op 31 december Note 2010 2009
€ miljoen
ACTIVA
Vaste activa
Immateriële activa 18 1641 1953
Goodwill 19 4718 4552
Materiële vaste activa 20 505 534
Uitgestelde belastingvorderingen 31 217 158
Personeelsbeloningen 32 18 12
Investeringen in geassocieerde ondernemingen 21 16 -
Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële elementen) 22 123 117
Totaal vaste activa 7238 7326
Vlottende activa
Voorraden 23 434 405
Handelsvorderingen en overige vorderingen 24 705 819
Te ontvangen belastingen 9 14
Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële elementen) 22 61 53
Geldmiddelen en kasequivalenten 25 494 486
1703 1777
Activa die worden afgestoten geclassificeerd als aangehouden voor verkoop 6 28 17
Totaal vlottende activa 1731 1794
Totaal activa 8969 9120
EIGEN
VER
MOGEN
ENVER
PLICH
TINGEN
Eigen vermogen
Geplaatst kapitaal en reserves toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB 26 4590 4415
Minderheidsbelangen 2 2
Totaal eigen vermogen 4592 4417
Langlopende verplichtingen
Leningen 28 32 23
Obligaties 29 1683 1654
Andere financiële verplichtingen (inclusief afgeleide financiële elementen) 30 43 130
Uitgestelde belastingverplichtingen 31 316 404
Personeelsbeloningen
32 105 104
Voorzieningen
Andere verplichtingen
33 218 211
Totaal langlopende verplichtingen 34 127
2524
115
2641
Kortlopende verplichtingen
Leningen 28 308 566
Andere financiële verplichtingen 30 79 63
Voorzieningen 33 92 169
Handels- en overige verplichtingen 34 1172 1036
Te betalen belastingen 198 228
1849 2062
Verplichtingen die worden afgestoten geclassificeerd als aangehouden voor verkoop 6 4 0
Totaal kortlopende verplichtingen 1853 2062
Totaal verplichtingen 4377 4703
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 8969 9120

4. Geconsolideerd kasstroomoverzicht

Voor het boekjaar eindigend op 31 december Note 2010 2009
€ miljoen
Winst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V. 103 513
Minderheidsbelangen 1 1
Afschrijvingen van vaste activa 9,20 65 78
Afschrijving van immateriële activa 9,18 190 142
Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa 9,12 223 126
Bijzondere waardevermindering van financiële activa 15,22 0 3
Verlies / winst (-) op de vervreemding van materiële vaste activa 0 0
Verlies / winst (-) op de vervreemding van andere dan materiële vaste activa -61 -102
In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen 27 20 16
Winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 7 1 -7
Winst uit afgestoten activiteiten, andere dan beëindigde bedrijfsactiviteiten -2 -501
Netto-rente (baten)/lasten 168 131
Netto niet-geldelijke financieringskosten -51 -31
Financiële derivaten - veranderingen in reële waarde en kasstroomdekkingen overgeboekt naar
eigen vermogen
15 9 80
Dividendinkomsten 15 0 -1
Winst / tegoeden (-) belastingen 16 -86 168
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten voor veranderingen in werkkapitaal, voorzieningen en 580 616
personeelsbeloningen
Afname / toename (-) van voorraden -17 -5
Afname / toename (-) van handelsvorderingen en overige vorderingen en andere activa 175 58
Toename / afname (-) van handelsverplichtingen en overige verplichtingen 126 -21
Toename / afname (-) van voorzieningen en personeelsbeloningen -91 -135
Geldmiddelen gegenereerd uit bedrijfsactiviteiten 773 513
Ontvangen rente 53 64
Betaalde rente -190 -194
Betaalde winstbelastingen -130 -88
KASSTROMEN UIT BEDRIJFSAC
TIVITEITEN
506 295
Verwerving van immateriële activa 18 -24 -49
Verwerving van materiële vaste activa 20 -54 -38
Verwerving van dochterondernemingen, na aftrek van verworven geldmiddelen 0 -94
Verwerving van overige investeringen -21 -12
Ontvangsten uit verkoop van immateriële vaste activa 26 111
Ontvangsten uit verkoop van materiële vaste activa 2 23
Ontvangsten uit verkoop van bedrijfsactiviteiten, na aftrek van overgedragen geldmiddelen 2 515
Ontvangsten uit de verkoop van andere investeringen 6 16
Ontvangen dividenden 15 0 1
KASSTROMEN UIT INVES
TERINGSAC
TIVITEITEN
-63 473
Ontvangsten uit de uitgifte van aandelenkapitaal 0 0
Ontvangsten uit leningen 28 3336 528
Terugbetaling van leningen 28 -3600 -2 830
Ontvangsten uit uitgifte obligaties 29 0 1735
Terugbetaling van verplichtingen uit hoofde van financiële leasingovereenkomsten -2 -2
Inkoop van eigen aandelen 26 0 0
Uitgekeerde dividenden aan UCB aandeelhouders, na aftrek van dividenden betaald op eigen -174 -167
aandelen
KASSTROMEN UIT INVES
TERINGSAC
TIVITEITEN
-440 -736
KASSTROMEN UIT BEËINDIGDE BEDRIJFSAC
TIVITEITEN
0 0
NETTO TOENA
ME / AFNAME (-) VAN
GELDMIDDELEN
EN KASEQUIVALEN
TEN
3 32
Geldmiddelen en kasequivalenten verminderd met bankvoorschotten in rekening-courant bij het
begin van het jaar
25 466 434
Effect van wisselkoerswijzigingen 8 0
GELDMIDDELEN
EN KASEQUIVALEN
TENVER
MINDERD MET BANKVOORSC
HOTTEN IN REKENING
-COURAN
T AAN
HET
EINDEVAN
HET JAAR
25 477 466

5. Geconsolideerde staat van wijzigingen in het eigen vermogen

2010 - € miljoen Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V.
Aandelenkapitaal en
uitgiftepremies omreke
ningsverschillen
Eigen aandelen Overgedragen
resultaat
Overige reserves Cumulatieve
omrekenings
verschillen
beschikbare
Voor verkoop
investeringen
Kasstroom
afdekkingen
Afdekking van
netto-investeringen
Totaal Minderheids
belangen
Totaal
eigen vermogen
Balans per 1 januari 2010 2151 -125 2 630 232 -523 0 -5 55 4415 2 4 417
Winst van de periode 103 103 1 104
Overige gerealiseerde en niet 180 1 7 188 -1 187
gerealiseerde (-) resultaten
Gedeelte gerealiseerde en 1 1 1
niet-gerealiseerde resultaten uit
geassocieerde ondernemingen
Totaal gerealiseerde en niet 103 181 1 7 292 0 292
gerealiseerde (-) resultaten
Dividend -173 -173 -173
Op aandelen gebaseerde 15 15 15
betalingen
Overboeking tussen reserves
7 -7 0 0
Eigen aandelen -7 -7 -7
Afgeleide componenten 48 48 48
gekoppeld aan een
converteerbare obligatie
Balans per 31 december 2010 2151 -125 2568 280 -342 1 2 55 4590 2 4592
2009 - € miljoen Aandelenkapitaal en
uitgiftepremies omreke
ningsverschillen
Eigen aandelen Overgedragen
resultaat
Overige reserves Cumulatieve
omrekenings
verschillen
Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB N.V.
beschikbare
Voor verkoop
investeringen
Kasstroom
afdekkingen
Afdekking van
netto-investeringen
Totaal Minderheids
belangen
Totaal
eigen vermogen
Balans per 1 januari 2009 2 151 -125 2276 232 -469 0 -105 55 4015 2 4017
Winst van de periode 513 513 0 513
Overige gerealiseerde en niet
gerealiseerde (- ) resultaten
-54 0 100 46 46
Totaal gerealiseerde en niet 513 -54 0 100 559 0 559
gerealiseerde (-) resultaten
Dividend -166 -166 -166
Op aandelen gebaseerde
betalingen
10 10 10
Overboeking tussen reserves 3 -3 0 0
Eigen aandelen -3 -3 -3
Kapitaalsverhoging