Skip to main content

AI assistant

Sign in to chat with this filing

The assistant answers questions, extracts KPIs, and summarises risk factors directly from the filing text.

Oxurion NV Annual Report 2018

Apr 4, 2019

3987_10-k_2019-04-04_e4fc4968-c488-4305-bb08-ffcf28a0ac14.pdf

Annual Report

Open in viewer

Opens in your device viewer

1. ALGEMENE INFORMATIE EN INFORMATIE BETREFFENDE DE VERANTWOORDELIJKHEID VOOR HET JAARVERSLAG EN VOOR DE CONTROLE
VAN DE JAARREKENING5
1.1. Verantwoordelijkheid voor de inhoud van dit document5
1.2. Verantwoordelijkheid voor de controle van de jaarrekening5
1.3. Beschikbaarheid van het Jaarverslag5
1.4. Toekomstgerichte informatie5
2. VOORWOORD VAN DE CEO EN VOORZITTER VAN DE RAAD VAN BESTUUR7
3. MANAGEMENT VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR9
3.1. Kerncijfers9
3.2. Activiteiten van Oxurion9
3.3. Bespreking van de geconsolideerde jaarrekening14
3.4. Bespreking van de statutaire jaarrekening 15
3.5. Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de risico's van de vennootschap16
3.6. Andere informatie overeenkomstig het Belgische vennootschapsrecht20
4. CORPORATE GOVERNANCE22
4.1. Algemene bepalingen 22
4.2. Niet-naleving van de Corporate Governance Code22
4.3. Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de interne controle en risicoanalyse van de vennootschap22
4.4. Vergoeding van de auditor24
4.5. Bekendmaking van belangrijke deelnemingen24
4.6. Samenstelling en werking van de vennootschapsorganen25
4.7. Beleid betreffende transacties en andere contractuele relaties tussen de vennootschap, inclusief verbonden vennootschappen, en
haar bestuurders en leden van het Executive Team30
4.8. Kapitaalverhoging door de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal en bepalingen die van toepassing zijn in
geval van een openbaar overnamebod op de vennootschap (artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007)31
4.9. Remuneratieverslag over het boekjaar 2018 32
5. GECONSOLIDEERDE JAARREKENING36
5.1. Geconsolideerde winst- en verliesrekening 36
5.2. Geconsolideerde balans37
5.3. Geconsolideerd kasstroomoverzicht38
5.4. Geconsolideerd overzicht van de wijzigingen van het eigen vermogen 39
5.5. Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening40
5.6. Toelichtingen bij de geconsolideerde winst- en verliesrekening 56
5.7. Toelichtingen bij de geconsolideerde balans60
5.8. Overige toelichtingen bij de geconsolideerde balans 72
6. VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING VAN AANDEELHOUDERS VAN DE VENNOOTSCHAP
OP 31 DECEMBER 201881
7. VERKORTE STATUTAIRE JAARREKENING85
7.1. Verkorte balans van Oxurion NV 85
7.2. Verkorte resultatenrekening van Oxurion NV86
7.3. Winstverdeling van Oxurion NV86
7.4. Belangrijke waarderingsgrondslagen86
8. VERKLARENDE WOORDENLIJST89

1. Algemene informatie en informatie betreffende de verantwoordelijkheid voor het Jaarverslag en voor de controle van de jaarrekening

1.1. Verantwoordelijkheid voor de inhoud van dit document

De Raad van Bestuur van Oxurion is verantwoordelijk voor de inhoud van dit document. De Raad van Bestuur van Oxurion verklaart dat, na alle redelijke maatregelen te hebben genomen om dat te garanderen, de informatie in dit Jaarverslag, voor zover hem bekend is, overeenstemt met de werkelijkheid en dat geen gegevens zijn weggelaten waarvan de vermelding de strekking van het document zou wijzigen.

Thomas Clay, voorzitter, en Patrik De Haes, uitvoerend bestuurder en Chief Executive Officer van Oxurion NV, verklaren in naam en voor rekening van de vennootschap, dat, voor zover hen bekend:

  • De geconsolideerde jaarrekening, opgesteld volgens de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de EU, een getrouw beeld geeft van het vermogen, de financiële toestand en de resultaten van de vennootschap Oxurion NV en van de ondernemingen die deel uitmaken van de Groep.
  • Het Jaarverslag met betrekking tot de geconsolideerde jaarrekening een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en resultaten van de Groep, alsook van de voornaamste risico's en onzekerheden waaraan de Groep het hoofd biedt.

Dit Jaarverslag werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 7 maart 2019.

1.2. Verantwoordelijkheid voor de controle van de jaarrekening

BDO Bedrijfsrevisoren, een vennootschap naar Belgisch recht met hoofdzetel te Da Vincilaan 9, B-1930 Zaventem, vertegenwoordigd door Gert Claes en lid van het Instituut der Bedrijfsrevisoren (IBR), werd benoemd tot commissaris van Oxurion voor een termijn van drie jaar die onmiddellijk eindigt na de afsluiting van de jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 2019 die zal hebben beraadslaagd en beslist over de jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2018.

1.3. Beschikbaarheid van het Jaarverslag

Oxurion heeft zijn Jaarverslag in het Nederlands opgesteld. Het Nederlandse document is vervolgens naar het Engels vertaald. In het geval van interpretatieverschillen tussen de Engelse en de Nederlandse versie van het Jaarverslag heeft de oorspronkelijke Nederlandse versie voorrang.

Het Jaarverslag is kosteloos beschikbaar voor het publiek op aanvraag bij:

Oxurion NV

Ter attentie van Dominique VANFLETEREN Gaston Geenslaan 1 B-3001 Leuven België Tel.: +32 16 75 13 17 Fax: +32 16 75 13 11 e-mail: [email protected]

Uitsluitend ter informatie is er ook een elektronische versie van het Jaarverslag verkrijgbaar via het internet, op de website van Oxurion (www.oxurion.com).

1.4. Toekomstgerichte informatie

Dit Jaarverslag bevat toekomstgerichte verklaringen, verwachtingen en inschattingen met betrekking tot de verwachte toekomstige prestaties van Oxurion en de markt waarin Oxurion actief is. Bepaalde van deze verklaringen, verwachtingen en inschattingen kunnen worden herkend door het gebruik van woorden zoals, maar niet beperkt tot, "van mening zijn", "verwachten", "van plan zijn", "streven naar", "schatten", "voorspellen", "voorzien", "zou kunnen", "zullen", "voortzetten" en vergelijkbare uitdrukkingen. Deze omvatten alle zaken die geen historische feiten zijn. Dergelijke verklaringen, verwachtingen en inschattingen zijn gebaseerd op verschillende veronderstellingen en inschattingen van bekende en onbekende risico's, onzekerheden en andere factoren die redelijk geacht werden op het ogenblik waarop ze werden gemaakt, maar die al dan niet correct zouden kunnen blijken. Feitelijke gebeurtenissen zijn moeilijk te voorspellen en kunnen afhangen van factoren buiten de controle van de vennootschap. Bijgevolg is het mogelijk dat de werkelijke resultaten, financiële toestand en de resultaten van de sector wezenlijk afwijken van enige toekomstige resultaten, prestaties of verwezenlijkingen die zijn uitgedrukt of geïmpliceerd door dergelijke verklaringen, verwachtingen en inschattingen. Factoren die een dergelijke afwijking kunnen veroorzaken, omvatten, maar zijn niet beperkt tot, de factoren die worden besproken in het hoofdstuk "Risicofactoren". Gezien deze onzekerheden wordt geen enkele verklaring gedaan met betrekking tot de juistheid of redelijkheid van dergelijke toekomstgerichte verklaringen, verwachtingen en inschattingen. Bovendien gelden deze enkel op de datum van dit Jaarverslag. De vennootschap wijst uitdrukkelijk iedere verplichting af om enige van de toekomstgerichte verklaringen, verwachtingen en inschattingen in dit Jaarverslag bij te werken teneinde verandering in de verwachtingen van de vennootschap in dat verband of enige wijziging in de feiten, voorwaarden of omstandigheden waarop dergelijke verklaringen, verwachtingen en inschattingen berusten, te weerspiegelen, behalve in de mate dat dit wordt vereist door de Belgische wet.

Alle verklaringen en informatie hebben betrekking op de periode tot 31 december 2018, behalve wanneer uitdrukkelijk anders vermeld.

2. Voorwoord van de CEO en Voorzitter van de Raad van Bestuur

Beste lezer,

We hebben een ontzettend boeiend jaar achter de rug, waarin we belangrijke mijlpalen hebben bereikt. We hebben vier klinische proeven gelanceerd, een commerciële infrastructuur opgezet voor JETREA® en ons bedrijf omgedoopt tot Oxurion.

De overeenkomst met Alcon/Novartis eind 2017 resulteerde in een tweejarig plan voor onze organisatie. Door de transactie kregen we JETREA® terug, het eerste commerciële geneesmiddel in zijn categorie, en dankzij de cashinjectie konden we het afgelopen jaar sterk investeren in onze ontwikkelingspijplijn. Dit jaar zullen deze investeringen de eerste gegevens opleveren en kort daarna hopen we de positieve impact te zien van de commercialisering van JETREA® op ons bedrijf.

Commerciële eenheid voor JETREA®

Allereerst hebben we geïnvesteerd in de bedrijfsinfrastructuur voor JETREA® en commerciële teams opgezet in Europa en de rest van de wereld. We hebben ook real-world gegevens voorgesteld op verschillende conferenties, voor het eerst weer met een kleine commerciële groep. Het is op deze manier dat we in dialoog kunnen treden met artsen, niet alleen over JETREA® maar ook over de andere moleculen in onze pijplijn. Het is van essentieel belang dat we in contact blijven met onze commerciële klanten en de onderzoekers die ons helpen bij de klinische ontwikkeling.

Intussen hebben we ervoor gezorgd dat artsen en hun patiënten in de VS en de rest van de wereld toegang blijven hebben tot JETREA®. We verkennen ook nieuwe mogelijkheden voor dit firstin-class product dat we op de markt hebben gebracht.

Sterke vooruitgang op het gebied van klinische ontwikkeling

Het voorbije jaar hebben we ook veel energie gestoken in onze pijplijn die gericht is op aandoeningen van de achterkant van het oog. Zo hebben we vier klinische proeven opgestart met drie moleculen. Dat is een sterke prestatie, die onmogelijk was geweest zonder de onvermoeibare inzet van het hele klinische ontwikkelingsteam van Oxurion. Het was een intens proces, maar het aantal patiënten dat we tot nu toe hebben geworven sterkt ons in de overtuiging dat al onze onderzoeken tegen het einde van 2019 waardevolle gegevens zullen opleveren.

Momenteel beoordelen we de werkzaamheid en veiligheid van THR-317, een anti-PlGF, bij toediening in combinatie met een anti-VEGF (Lucentis®) voor de behandeling van diabetisch macula-oedeem (DME). Onderzoek toont aan dat dit een verbeterde behandelingsoptie zou kunnen bieden voor patiënten die slecht reageren op anti-VEGF-monotherapie. DME is een complicatie van diabetische retinopathie (DR) die wordt gekenmerkt door een opeenhoping van vocht en een zwelling in de gele vlek of macula, wat leidt tot verlies van gezichtsvermogen.

We zijn gestart met een klinische Fase 2-studie met THR-317 en de werving van patiënten is al goed gevorderd. We hebben ook de eerste patiënten geworven om deze molecule te evalueren voor de behandeling van idiopathische maculaire teleangiëctasieën type 1 (MacTel1), een zeldzame degeneratieve netvliesaandoening waarvoor nog geen behandeling bestaat.

In mei 2018 lanceerden we een klinische Fase 1-studie om de veiligheid van THR-149 te beoordelen, een plasmakallikreïneremmer om patiënten met DME te behandelen. Dit is een gevalideerd traject en een andere invalshoek om de ziekte te bestrijden.

Er is ook nog een vierde klinische proef aan de gang om de veiligheid van THR-687 te beoordelen, een pan-RGD integrine-antagonist die gericht is op het behoud van het gezichtsvermogen bij een brede waaier patiënten met diabetische oogziekten. Ook via deze weg proberen we nieuwe behandelingen te vinden voor diabetische oogziekten, met een middel dat een zeer breed toepassingspotentieel heeft.

Met deze veelzijdige aanpak willen we een portefeuille aanbieden met een beperkt risico: we zetten in op meer dan één technologie of molecule, en richten ons op trajecten die gevalideerd zijn door de ontwikkelingsprogramma's van verschillende concurrerende bedrijven.

Duurzame investeringen in R&D

Bovendien blijven we investeren in onderzoeksprogramma's voor nieuwe aandoeningen van de achterkant van het oog. Het is voor een biotechbedrijf als Oxurion van essentieel belang om sterk in te zetten op onderzoek en ontwikkeling, en voortdurend nieuwe concepten voort te brengen op het preklinische niveau. Op die manier kunnen we nieuwe producten in de klinische onderzoeksfase blijven brengen en waarde toevoegen aan onze portefeuille.

Onze huidige waarde en positie als wereldwijde biotechspeler zijn het resultaat van bewezen R&D-inspanningen in het verleden, die geleid hebben tot duurzame onderzoeksmodellen. Onze beslissing om te investeren in middelen in een vroeg stadium heeft al zichtbare resultaten opgeleverd: we hebben een product op de markt gebracht dat het eerste is in zijn categorie en beschikken over een boeiende pijplijn met drie andere producten in klinische proeven. De succesfactor bij al deze strategische overwegingen is een goede interactie tussen het Managementteam en de Raad van Bestuur.

In 2018 zijn we ook gestart met de verkenning van leeftijdsgebonden maculadegeneratie (AMD), een van 's werelds belangrijkste oorzaken van blindheid bij ouderen. Bij de 'droge' vorm van de aandoening (droge AMD) sterft het netvliesweefsel langzaam af als gevolg van celdegeneratie. In het meest gevorderde stadium leidt de aandoening tot blindheid. We zijn in een onderzoeksprogramma gestapt dat zich op deze degeneratieve ziekte richt, terwijl we ons blijven focussen op diabetische oogziekten.

Nieuwe naam positief onthaald

In 2018 kreeg ons bedrijf ook een nieuwe naam. Onze oude naam – ThromboGenics – weerspiegelde niet langer onze focus op oogziekten en onze ambities in dat domein. We zijn enkele jaren geleden begonnen met de strategische transformatie, maar voor de buitenwereld waren de omvang van de reset en de waarde ervan onduidelijk. De nieuwe naam Oxurion is intussen al stevig geworteld in het biotechlandschap.

Oncologisch onderzoek voortgezet met Oncurious

Hoewel we ons blijven concentreren op het netvlies en meer specifiek op diabetische oogziekten, richt ons dochterbedrijf Oncurious, opgericht samen met het VIB (Vlaams Instituut voor Biotechnologie), zich op onderzoek en ontwikkeling in de oncologie.

De klinische studie van het antilichaam TB-403, een anti-PlGF, voor de behandeling van medulloblastoom is in volle gang. Samen met Beat Childhood Cancer werft Oncurious nog steeds patiënten voor deze studie met het uiteindelijke doel deze zeldzame en zeer dodelijke hersentumor bij kinderen te genezen.

Intussen heeft Oncurious zijn preklinisch onderzoek ook uitgebreid met de portefeuille immuno-oncologische middelen van de volgende generatie die het heeft overgenomen van het VIB. We verwachten preklinische Proofs-of-Concept in de komende twee jaar.

Sterke organisatie en ervaren Raad van Bestuur

Door de jaren heen hebben we een sterke, flexibele en zeer complementaire organisatie uitgebouwd. Ons preklinisch team is de stuwende kracht achter onze R&D-activiteiten om nieuwe onderzoekspaden te ontdekken. Om nieuwe middelen in de klinische onderzoeksfase te brengen en onze pijplijn vooruit te helpen, kunnen we rekenen op een zeer ervaren klinisch team met een bewezen staat van dienst op het gebied van regelgeving, kwaliteit en veiligheid. In het komende jaar zal een grote hoeveelheid nieuwe gegevens worden gegenereerd, waardoor we ook onze capaciteiten op het gebied van statistische analyse zullen versterken.

Afgelopen jaar mochten we Adrienne Graves verwelkomen in onze Raad van Bestuur. Zij vervangt Paul G. Howes. We willen Paul van harte bedanken voor de vele jaren trouwe dienst aan ons bedrijf. De verandering werd ingegeven door meerdere factoren, waaronder onze klinische focus. De achtergrond en het netwerk van Adrienne hebben hun meerwaarde voor onze activiteiten al bewezen. Een derde van de Raad van Bestuur bestaat nu overigens uit vrouwelijke leidinggevenden. Met 50% Europeanen en 50% Amerikanen, zijn we er trots op over een perfect evenwichtig team te beschikken.

Ooggemeenschap

In 2018 hebben we onze interactie met ngo's en patiëntenbelangenorganisaties, zoals Prevent Blindness en Retina Global, versterkt. Ons bedrijf werkte samen met Prevent Blindness tijdens de Diabetic Eye Disease Awareness Month in november en we zijn een van de hoofdsponsors van het Boliviaanse BOLDR-project van Retina Global. Met dit project leidt de organisatie lokale artsen en verpleegkundigen op in het diagnosticeren en behandelen van diabetische retinopathie en meer algemene oogziekten bij patiënten die zich een behandeling normaal niet kunnen veroorloven.

We zullen contact blijven zoeken met de bredere ooggemeenschap en laten zien hoe toegewijd we zijn in het volbrengen van onze missie: wereldwijd het verlies van gezichtsvermogen voorkomen en blindheid bestrijden door behandelingen van de volgende generatie te ontwikkelen en ter beschikking te stellen.

3. Management verslag van de Raad van Bestuur

3.1. Kerncijfers

3.1.1. Geconsolideerde balans

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Materiële vaste activa 614 991
Immateriële activa 20.450 23.603
Overige vaste activa op lange termijn 127 126
Belastingen op lange termijn 2.584 1.434
Voorraad 1.036 2.204
Handelsvorderingen en overige vorderingen 4.219 4.295
Belastingen op korte termijn 707 2.054
Beleggingen 20.475 49.555
Geldmiddelen en kasequivalenten 64.652 56.175
Niet-beschikbare banktegoeden 0 10.000
Totaal activa 114.864 150.437
Totaal eigen vermogen 105.310 133.357
Kortlopende verplichtingen 9.554 17.080
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 114.864 150.437

3.1.2. Geconsolideerde winst- en verliesrekening

IN '000 EURO (VOOR HET BOEKJAAR EINDIGEND
OP 31 DECEMBER)
2018 2017
Opbrengsten 5.320 9.055
Bedrijfsresultaat -39.241 23.266
Financiële opbrengsten 796 392
Financiële kosten -324 -1.029
Resultaat vóór belastingen -38.769 22.629
Belastingen -10 -14
Resultaat van het jaar -38.779 22.615
Resultaat per aandeel
Gewoon (euro) -1,01 0,63
Verwaterd (euro) -1,01 0,62

3.2. Activiteiten van Oxurion

3.2.1. Algemeen

ThromboGenics NV werd opgericht op 30 mei 2006 en is een naamloze vennootschap. Na goedkeuring door de aandeelhouders op een buitengewone vergadering van aandeelhouders op 3 september 2018 en met ingang van 10 september 2018, veranderde ThromboGenics NV de maatschappelijke naam in Oxurion NV.

De maatschappelijke zetel is gevestigd te: Gaston Geenslaan 1 B-3001 Leuven België Tel.: +32 16 75 13 10 Fax: +32 16 75 13 11

De vennootschap is ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder ondernemingsnummer 0881.620.924.

3.2.2. Missie

Oxurion legt zich toe op de ontwikkeling en commercialisering van nieuwe farmacologische behandelingen die belangrijke onbeantwoorde klinische behoeften vervullen.

In 2015 nam Oxurion de strategische beslissing om zijn voornaamste middelen te wijden aan de ontwikkeling van geneesmiddelen. Oxurion is er nog steeds op gericht de wereldwijde commerciële mogelijkheden van JETREA® te benutten, maar zet zijn middelen nu vooral in voor de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen voor diabetische oogziekten, met een focus op de achterkant van het oog (diabetische retinopathie en diabetisch macula-oedeem).

3.2.3. Historiek

Thromb-X was het eerste bedrijf van de Groep. Het werd opgericht door prof. Collen en de KULeuven in 1991 om de ervaring die men had opgedaan met het geneesmiddel tPA te gebruiken om nieuwe trombolytica te ontwikkelen met een grotere doeltreffendheid, beter profiel qua nevenwerkingen en lagere productiekost.

In 1992 verhuisde Thromb-X naar een modern uitgerust onderzoekscentrum naast het Centrum voor Moleculaire en Vasculaire Biologie van de KULeuven. In 1995 vestigde het Centrum voor Transgene Technologie en Gentherapie van het VIB zich in hetzelfde gebouw. Door de nauwe samenwerking met de KULeuven en het VIB kon de vennootschap een aantal veelbelovende onderzoeksprogramma's tot in de ontwikkelingsfase brengen.

De initiële onderzoeks- en ontwikkelingsinspanningen van Thromb-X waren gericht op de ontwikkeling van stafylokinase, een veelbelovend trombolytisch middel voor acuut myocardinfarct. Om strategische en commerciële redenen besloot de vennootschap deze ontwikkeling verder te zetten buiten de Westerse markt. Intussen ontwikkelde Thromb-X in samenwerking met de KULeuven en het VIB met succes ocriplasmine, een recombinante afgeleide van het eiwit plasmine. Vanaf 2007 werd dit de belangrijkste focus van de vennootschap, wat resulteerde in de commerciële lancering van JETREA® in de Verenigde Staten in 2013.

In 2001 verkreeg ThromboGenics extra financiële middelen toen de Amerikaanse participatiemaatschappij East Hill Biopharmaceutical Partners aandeelhouder werd. Met deze financiering intensiveerde ThromboGenics de ontwikkeling van ocriplasmine en begon ook het onderzoek naar oftalmologische toepassingen. In 2003 breidde de vennootschap haar activiteiten uit door een dochteronderneming, ThromboGenics, Inc., op te richten in New York.

In mei 2006 werd ThromboGenics NV, een Belgisch bedrijf met hoofdkantoor in Leuven, opgericht als holdingmaatschappij van ThromboGenics Ltd, Thromb-X NV, Producell Biotech NV en ThromboGenics, Inc. Na enkele fusies werd de structuur van de Groep vereenvoudigd.

In juli 2006 verhoogde ThromboGenics het kapitaal met 35 miljoen euro door een succesvolle beursintroductie en werd het genoteerd op de Eurolist van Euronext Brussel.

ThromboGenics stond aan de wieg van de nieuwe geneesmiddelencategorie van farmacologische vitreolyse met de ontwikkeling en commercialisering van JETREA® (ocriplasmine), dat wereldwijd in 54 landen goedgekeurd is als behandeling voor vitreomaculaire adhesie/tractie.

Vandaag is Oxurion, voorheen ThromboGenics, een geïntegreerd biofarmaceutisch bedrijf dat zich richt op de ontwikkeling en commercialisering van innovatieve behandelingen voor aandoeningen aan de achterkant van het oog, met een focus op diabetische oogziekten.

Op 31 december 2018 bestond de Groep uit Oxurion NV, met inbegrip van een Iers filiaal, een 100% dochteronderneming ThromboGenics, Inc. en een 81,67% dochteronderneming Oncurious NV.

3.2.4. Evolutie van het aantal werknemers

Op 31 december 2018 had Oxurion NV Groep 78 werknemers in dienst:

  • 66 bij Oxurion NV: 60 in Leuven, België; 1 in Frankrijk, 3 in Duitsland en 2 in Italië
  • 10 bij ThromboGenics, Inc. (New Jersey, VS en thuiswerkers)
  • 2 bij Oncurious NV in Leuven, België

Oxurion NV Groep telt 20 werknemers met een doctoraatsdiploma en 37 werknemers met een masterdiploma.

3.2.5. Activiteiten

Oxurion ontwikkelt een sterk concurrerende pijplijn van ziektemodificerende kandidaat-geneesmiddelen voor diabetische oogziekten, meer bepaald diabetische retinopathie (DR) en diabetisch macula-oedeem (DME), twee belangrijke domeinen met onbeantwoorde medische behoeften.

De klinische ontwikkelingspijplijn van Oxurion bestaat uit afzonderlijke producten met sterk verschillende werkingen, zoals:

THR-317 – een monoklonaal antilichaam dat PlGF (menselijke placentaire groeifactor) neutraliseert en zich in een Fase 2-studie bevindt voor het evalueren van de efficiëntie en veiligheid van intravitreaal THR-317 bij toediening in combinatie met ranibizumab (Lucentis®) voor de behandeling van DME. De resultaten van deze studie worden verwacht tegen eind 2019.

Bovendien wordt THR-317 geëvalueerd in een Fase 2-studie voor de behandeling van idiopathische maculaire teleangiëctasieën type 1 (MacTel 1). MacTel 1 is een zeldzame ziekte die de gele vlek (macula) aantast en tot verlies van gezichtsvermogen kan leiden. De eerste gegevens van deze studie worden tegen eind 2019 verwacht.

THR-149 – een krachtige plasmakallikreïneremmer die wordt ontwikkeld voor de behandeling van DME. THR-149 bevindt zich in een Fase 1 open-label, multicenterstudie met toenemende dosissen. De resultaten van deze studie worden verwacht tegen eind 2019.

THR-687 – een pan-RGD integrine-antagonist die momenteel wordt ontwikkeld voor de behandeling van een brede waaier patiënten met diabetische oogziekten. THR-687 ging in september 2018 over in de klinische fase. De resultaten van deze Fase 1-studie worden verwacht tegen eind 2019.

Nieuwe therapieën voor diabetische oogziekten

Diabetes is een ernstig wereldwijd gezondheidsprobleem: naar schatting 425 miljoen volwassenen hebben ermee te maken. De International Diabetes Federation verwacht dat dit aantal tegen 2045 tot 625 miljoen zal stijgen.

Diabetische oogziekten worden veroorzaakt door de hyperglykemie (hoge bloedsuikerspiegel) die gepaard gaat met diabetes. Als hyperglykemie niet wordt behandeld, ontstaat er schade aan de haarvaten achteraan het oog (netvlies), waardoor er verlies van gezichtsvermogen optreedt en de patiënt uiteindelijk blind wordt.

Diabetische retinopathie (DR) is een ernstige gezichtsbedreigende ziekte en de voornaamste oorzaak van verlies van gezichtsvermogen bij volwassenen op beroepsactieve leeftijd. Meer dan een derde van alle mensen met diabetes worden erdoor getroffen. DR ontwikkelt zich van een lichte, niet-proliferatieve tot een meer ernstige of zelfs proliferatieve ziekte.

Diabetisch macula-oedeem (DME) is een ernstige complicatie van DR. DME is een ophoping van vocht in de gele vlek of macula (het deel van het netvlies dat het gedetailleerde gezichtsvermogen controleert) als gevolg van lekkende bloedvaten. Er is voor DME een dringende behoefte aan nieuwe medische behandelingen, aangezien de huidige standaardbehandeling met anti-VEGF's bij een significant aantal patiënten onvoldoende resultaten oplevert.

Update van de klinische en preklinische ontwikkeling bij Oxurion

THR-317 – een gehumaniseerd mAb tegen humane PlGF voor de behandeling van DME

THR-317 (anti-PlGF) is een gehumaniseerd recombinant monoklonaal antilichaam tegen de receptorbindende zijde van de menselijke placentaire groeifactor (PlGF) dat door Oxurion wordt ontwikkeld voor de behandeling van DME. In preklinische modellen is het aangetoond dat het anti-PlGF niet alleen anti-angiogene en oedeemremmende eigenschappen heeft, maar ook ontstekingswerend is.

Positieve Dag90- en Dag150-toplijnresultaten gerapporteerd van een Fase 1/2-studie van THR-317 voor de behandeling van DME

In april 2018 kondigde Oxurion positieve Dag90-toplijnresultaten aan van zijn klinische Fase 1/2-studie van THR-317 voor de behandeling van diabetisch macula-oedeem (DME).

De resultaten van de studie, die hoofdzakelijk een veiligheidsstudie was, tonen duidelijk aan dat THR-317 veilig is voor intraoculair gebruik en goed wordt verdragen. Bovendien lieten de gerapporteerde Dag90-gegevens van de studie zien dat 30% van de patiënten die niet eerder met anti-VEGF werden behandeld (n=90), 3 regels of meer (≥15 letters) winst boekten voor de Best Corrected Visual Acuity (BCVA) na 3 maandelijkse injecties met THR-317 (8 mg).

Deze positieve gegevens werden verder versterkt door de klinische Dag150-toplijnresultaten die in juli 2018 werden aangekondigd. De Dag150-resultaten van de studie (3 maanden na de laatste injectie) bevestigden niet alleen dat THR-317 veilig is voor intraoculair gebruik en goed wordt verdragen, maar lieten ook zien dat 30% van de groep die niet eerder de 8 mg anti-VEGF-behandeling had gekregen, nog steeds ≥ 10 letters winst boekte en 10% zelfs een winst van ≥ 15 letters, wat erop wijst dat het effect duurzaam is.

Een klinische Fase 2-studie van THR-317 in combinatie met ranibizumab (Lucentis®), een anti-VEGF

Aangemoedigd door de positieve Dag90-toplijnresultaten startte Oxurion een Fase 2-studie van THR-317 in combinatie met een anti-VEGF.

In april 2018 werd de eerste patiënt ingeschreven in een Fase 2-studie voor het evalueren van de efficiëntie en veiligheid van intravitreaal toegediend THR-317 in combinatie met ranibizumab (Lucentis®), een VEGF-remmer, voor de behandeling van DME. De eerste resultaten van deze klinische Fase 2-studie worden verwacht tegen het einde van 2019.

Er wordt verwacht dat het gelijktijdig onderdrukken van VEGF (ranibizumab) en PlGF (THR-317) efficiënter kan werken dan elke behandeling apart. Niet-klinische experimenten wijzen erop dat anti-PlGF in aanwezigheid van een anti-VEGF-antilichaam een cumulatief effect heeft, dat de groei van nieuwe bloedvaten afremt (Van de Veire et al., 2010), een kenmerk van DME.

Bovendien zou THR-317 het extra voordeel kunnen bieden dat het ontstekingswerend is, samen met een lager PlGF-activiteitsniveau (Van Bergen et al., 2017).

De resultaten van deze Fase 2-studie zullen de klinische gegevens opleveren die nodig zijn voor de volgende fasen in de klinische ontwikkeling van THR-317.

In september 2018 gaf Oxurion op het Euretina International Congress in Wenen (Oostenrijk) de presentatie Anti-inflammatory effects of the PlGF neutralizing antibody THR-317 in patients with diabetic macular edema. Het maakte daarbij verdere wetenschappelijke bevindingen bekend ter ondersteuning van het therapeutisch potentieel van THR-317 als veelbelovende nieuwe therapie voor diabetische oogziekten.

Een klinische Fase 2-studie van THR-317 voor de behandeling van MacTel1

In september 2018 startte Oxurion met een Fase 2 open-label, multicenterstudie van de efficiëntie en veiligheid van intravitreaal THR-317 voor de behandeling van maculaire teleangiëctasieën type 1 (Mac-Tel1). MacTel1 is een zeldzame ziekte die de gele vlek (macula) aantast en tot verlies van gezichtsvermogen kan leiden. Er bestaat momenteel geen geneesmiddel of afdoende behandeling voor MacTel1.

In deze Fase 2-studie zullen 10 patiënten met macula-oedeem veroorzaakt door MacTel1 worden ingeschreven. Over een periode van 2 maanden krijgen zij drie intravitreale injecties van 8 mg THR-317. De efficiëntie en veiligheid zullen worden beoordeeld via functionele en anatomische eindpunten.

Oxurion voert deze studie uit in het kader van zijn missie om het gezichtsvermogen te verbeteren en blindheid te bestrijden, naast de ontwikkeling van zijn pijplijn van middelen tegen diabetische oogziekten.

De eerste resultaten van deze klinische studie worden verwacht tegen het einde van 2019.

Een Fase 1-studie van THR-149, een krachtige plasmakallikreïneremmer voor de behandeling van DME

THR-149 is een baanbrekende plasmakallikreïneremmer die werd ontwikkeld met behulp van het Bicycles®-technologieplatform van Bicycle Therapeutics voor de behandeling van DME.

THR-149 werkt door onderdrukking van het plasmakallikreïne-kinin-systeem (pKal-kinin), dat als een geldig doel voor DME wordt beschouwd.

De reden hiervoor is dat werd aangetoond dat het pKal-kinin-systeem vasculaire permeabiliteit, ontstekingen en angiogenese in het netvlies veroorzaakt. Uit de literatuur blijkt dat DME-patiënten een hoog niveau van plasmakallikreïne hebben en dus kan een plasmakallikreïneremmer geschikt zijn voor de behandeling van deze patiënten.

In maart 2018 werden preklinische studies over THR-149 gepubliceerd in The Journal of Medicinal Chemistry en door dr. Tine Van Bergen, Senior Scientist bij Oxurion, voorgesteld op de Jaarvergadering 2018 van de European Association for the Study of Diabetes Eye Complications Study Group (EASDec). De gegevens wezen op de kracht en efficiëntie van bicyclische peptideremmers van pKal, zoals THR-149, via een VEGF-onafhankelijke weg.

In mei 2018 startte Oxurion een klinische Fase 1-studie van de veiligheid van één enkele intravitreale injectie van THR-149, met toenemende dosissen, bij patiënten met DME.

Maximaal 15 patiënten zullen worden ingeschreven en de eerste resultaten worden verwacht rond het einde van de eerste helft van 2019.

Een Fase 1-studie van THR-687, een baanbrekende pan-RGD integrine-antagonist voor de behandeling van DME

Oxurion ontwikkelt THR-687, een baanbrekende pan-RGD integrine-antagonist (remmer), om het gezichtsvermogen te behouden bij een grote groep patiënten met diabetische oogziekten. Het potentieel is groot, omdat het onderdrukken van integrine meerdere processen beïnvloedt die betrokken zijn bij pathologische angiogenese en lekkende bloedvaten bij patiënten met oogziekten. Oxurion ontwikkelt THR-687 in de eerste plaats voor DME.

In september 2018 werd gestart met een klinische Fase 1 open-label, multicenterstudie met toenemende dosissen voor de evaluatie van de veiligheid van één enkele intravitreale injectie van THR-687 voor de behandeling van patiënten met DME.

Maximaal 15 patiënten zullen worden ingeschreven en de eerste resultaten worden verwacht tegen het einde van 2019.

Tijdens het Euretina International Congress in Wenen (Oostenrijk) in september 2018 werden preklinische gegevens voorgesteld ter ondersteuning van het therapeutisch potentieel van THR-687 als baanbrekende behandeling van gezichtsbedreigende DR.

Strategische samenwerking met Beta Therapeutics voor de ontwikkeling van nieuwe heparanaseremmers voor de behandeling van netvliesaandoeningen

Op 5 november 2018 sloot Oxurion een strategische onderzoeksovereenkomst met Beta Therapeutics voor de ontwikkeling van nieuwe heparanaseremmers voor de behandeling van netvliesaandoeningen zoals droge leeftijdsgebonden maculadegeneratie (AMD).

Heparanase is een endoglycosidase dat een belangrijke rol speelt bij het wijzigen van de extracellulaire matrix en in ontstekingsprocessen. In het netvlies wordt heparanase in verband gebracht met DR- en potentieel met AMD-pathogenese.

Op grond van de overeenkomst heeft Oxurion de exclusieve mogelijkheid om een licentie te nemen in het heparanaseremmerprogramma.

Oncurious: ontwikkeling van immuno-oncologische therapieën van de volgende generatie

Oncurious ontwikkelt immuno-oncologische geneesmiddelen van de volgende generatie voor een breed spectrum aan kankertypes. Oncurious is een dochteronderneming van Oxurion waarin Oxurion een meerderheidsbelang heeft. De resterende aandelen zijn eigendom van VIB, een toonaangevend biowetenschappelijk onderzoeksinstituut in Vlaanderen.

Er worden momenteel patiënten ingeschreven in een Amerikaanse Fase 1/2a-studie met TB-403, een gehumaniseerd monoklonaal antilichaam tegen placentaire groeifactor (PlGF). Het is de bedoeling om voor de studie 27 patiënten met een recidiverend of refractair medulloblastoom te werven. Voor de patiëntenwerving werkt Oncurious samen met Beat Childhood Cancer, een internationale groep onderzoekers en ziekenhuizen die zoeken naar manieren om kanker bij kinderen een halt toe te roepen.

De studie heeft als doel na te gaan of TB-403 veilig is en goed verdragen wordt bij de maximaal toegelaten dosis bij pediatrische patiënten met een recidiverend of refractair medulloblastoom.

TB-403 wordt ontwikkeld door Oncurious in samenwerking met BioInvent International.

In de studie wordt momenteel het 4de en laatste patiëntencohort ingeschreven. De eerste resultaten worden verwacht tegen eind 2019.

JETREA® – het eerste geneesmiddel in zijn categorie voor de behandeling van symptomatische VMA

Oxurion heeft met zijn product JETREA® aangetoond dat het in staat is om innovatieve oftalmologische therapieën te ontdekken, te ontwikkelen en op de markt te brengen. Dit eerste geneesmiddel in zijn categorie voor de behandeling van symptomatische vitreomaculaire adhesie en tractie werd sinds de lancering in 2013 wereldwijd gebruikt bij meer dan 30.000 patiënten.

Op 15 september 2018 heeft Oxurion de verkooprechten buiten de VS opnieuw verworven van Novartis AG. De wereldwijde eigendom en productverantwoordelijkheid van JETREA® zijn nu in handen van Oxurion. De wereldwijde business unit, met directe of indirecte distributie van JETREA® op geselecteerde markten, wordt aangestuurd vanuit Leuven in België.

Benoeming – Nieuw lid van de Raad van Bestuur

In oktober 2018 werd Adrienne Graves, Ph.D., door coöptatie benoemd als lid van de Raad van Bestuur. Dr. Graves vervangt Paul Howes.

Dr. Graves maakt deel uit van de Raad van Bestuur van talrijke ondernemingen en organisaties, zoals Akorn Inc., Nicox, de American Society of Cataract and Refractive Surgery, de Glaucoma Research Foundation en de American Academy of Ophthalmology. Zij was eerder voorzitster en CEO van Santen Inc., de Amerikaanse afdeling van het grootste oftalmologisch-farmaceutisch bedrijf in Japan, Santen Pharmaceutical Co., Ltd. Dr. Graves was ook directeur internationale oftalmologie bij Alcon Laboratories, Inc.

Naamsverandering

In september 2018 veranderde de naam van de vennootschap in Oxurion NV.

De naam Oxurion sluit beter aan bij de ambitie van de vennootschap om de allerbeste therapieën voor aandoeningen van de achterzijde van het oog aan te bieden. De beslissing om de naam te veranderen weerspiegelt de aanzienlijke vooruitgang die de vennootschap heeft geboekt met zijn concurrerende pijplijn van baanbrekende kandidaat-geneesmiddelen voor diabetische oogziekten.

3.2.6. Intellectuele eigendom

De kandidaat-geneesmiddelen van de vennootschap worden gedekt door verschillende octrooifamilies, die in eigendom zijn van de vennootschap of waarvoor de vennootschap een licentie heeft verworven.

De aan Oxurion NV toegekende licenties zijn exclusieve licenties met het recht op sublicentie en er kunnen vooraf afgesproken royalty's op gelden. Oxurion NV heeft de rechten op alle interne intellectuele eigendom (IP). De vennootschap heeft een Europese octrooiadviseur van een gerenommeerd octrooibureau in dienst die samenwerkt met verschillende toonaangevende internationale patentkantoren.

3.2.7. Groepsstructuur

Op 31 december 2018 heeft Oxurion NV een Amerikaanse 100% dochteronderneming, ThromboGenics, Inc., met zetel in Iselin (New Jersey), een Iers filiaal in Dublin en een dochteronderneming Oncurious NV, waarvan Oxurion voor 81,67% aandeelhouder is.

3.2.8. Infrastructuur

Sinds januari 2009 zijn alle onderzoekslaboratoria van de vennootschap gevestigd in het gebouw "Bio-Incubator", Gaston Geenslaan 1 te 3001 Leuven.

Op dit ogenblik betrekt de vennootschap een aantal modern uitgeruste onderzoekslabo's met onder meer cultuurkamers, een labo moleculaire biologie, een analytisch labo, een labo voor de expressie van eiwitten en een zuiveringslabo, een in vivo farmacologische eenheid en alle nodige ondersteunings- en opslagruimtes. De vennootschap beschikt over 2.000 vierkante meter labo- en kantoorruimte in Leuven, Iselin (VS) en Dublin (Ierland) (zie toelichting 5.8).

De vennootschap is GMP-gecertificeerd (Verordening 2003/94/EG) door de Belgische overheid (FAGG/AMPS), zowel voor commerciële partijen als partijen voor onderzoek van medische producten..

3.2.9. Investeringsbeleid

Behalve investeringen in labomateriaal en hard- en software heeft Oxurion geen andere grote investeringen verricht, noch is het verbintenissen aangegaan om in de nabije toekomst tot grote investeringen over te gaan.

Intellectuele eigendom verworven van derden wordt geboekt als investering en wordt onderworpen aan een waardeverminderingsbeoordeling volgens de regels van het boekhoudbeleid.

De uitgaven voor O&O worden rechtstreeks gefinancierd en in deze context niet beschouwd als investeringen die geactiveerd worden op de balans overeenkomstig de relevante boekhoudregels. Volgens de IFRS-verslaglegging en conform de eigen boekhoudprincipes van de vennootschap worden alleen de kosten verbonden aan Fase 3-onderzoeken geactiveerd.

3.2.10. Gezondheids-, veiligheids- en milieureglementering

Als biotechbedrijf krijgt Oxurion dagelijks te maken met biologisch afval. Het is dus van het grootste belang dat er gewaakt wordt over de veiligheid en gezondheid van het personeel en de bezoekers en over de bescherming van het milieu. Het milieu-, gezondheids- en veiligheidsbeleid vormt een essentieel element van de bedrijfsstrategie van de vennootschap en maakt deel uit van de opleiding van elk personeelslid. Dat betekent dat er een onafgebroken proces plaatsvindt waarbij voortdurend verbeteringen en innovaties ingevoerd worden.

Zodoende wil Oxurion een omgeving creëren die niet alleen veilig is voor zijn eigen medewerkers, maar ook voor zijn externe medewerkers, zijn bezoekers en het milieu in het algemeen.

3.3. Bespreking van de geconsolideerde jaarrekening

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de EU en werd op 7 maart 2019 goedgekeurd.

Resultatenrekening

In 2018 bedroeg de omzet uit Oxurion JETREA® 5,2 miljoen euro, tegenover 4,6 miljoen euro in 2017.

Als gevolg van het terugwinnen van alle rechten die verband houden met JETREA® buiten de VS in 2017, daalden de royalty's betaald door Alcon/Novartis in 2018 naar 0,1 miljoen euro, tegenover 1,3 miljoen euro in 2017. Ook in 2018 werden geen gerelateerde inkomsten gerealiseerd uit de schikkingsregeling met Alcon/Novartis van 2017 voor de historische verkoopkosten van 3,2 miljoen euro. Bijgevolg vond in 2018 geen dergelijke boeking plaats.

De brutowinst van Oxurion bedroeg in 2018 2,0 miljoen euro, tegenover 6,5 miljoen euro in 2017. De daling is voornamelijk toe te schrijven aan de niet-recurrente, eenmalige schikking in 2017 van 3,2 miljoen euro met betrekking tot de verkoopkosten van de voorgaande jaren, en aan de afschrijving van verouderde excipiënten.

De uitgaven voor O&O in 2018 bedroegen 29,5 miljoen euro, tegenover 23,2 miljoen euro in 2017. De O&O-uitgaven stegen als gevolg van de preklinische activiteiten voor THR-687 en THR-149, en de klinische activiteiten voor THR-317. De overheidssubsidies en opbrengsten uit de doorrekening van kosten worden afgetrokken van de onderzoeks- en ontwikkelingskosten.

In 2018 bedroegen de distributiekosten van Oxurion 6,2 miljoen euro, tegenover 4,2 miljoen euro in 2017. De stijging van deze uitgaven weerspiegelt de investeringen in personeel voor een klein aantal markten buiten de VS, evenals diverse activiteiten die verband houden met de overdracht van markttoelatingen en wettelijke verplichtingen door Alcon/Novartis.

Algemene en administratieve kosten – samengesteld uit algemene kosten, personeelskosten, de kosten van de afdelingen financiën, ICT, juridische zaken, communicatie, evenals de kosten van de Raad van Bestuur – bleven stabiel op 6,3 miljoen euro, tegenover 6,2 miljoen euro in 2017.

In 2018 bedroegen de overige bedrijfsopbrengsten van Oxurion 0,9 miljoen euro, tegenover 50,4 miljoen euro in 2017. In 2017 ontving Oxurion van Alcon/Novartis 45,0 miljoen euro en 4,5 miljoen euro als compensatie voor respectievelijk de beëindiging van de overeenkomst voor de commercialisering van JETREA® buiten de VS en voor zijn tussenkomst bij verouderde farmaceutische materialen.

In 2018 boekte Oxurion een operationeel verlies van 39,2 miljoen euro tegenover een operationele winst van 23,3 miljoen euro in 2017, die gunstig werd beïnvloed door de schikking met Alcon/Novartis.

De totale financiële opbrengsten van Oxurion stegen in 2018 tot 0,8 miljoen euro, tegenover 0,4 miljoen euro in 2017, terwijl de financiële kosten aanzienlijk daalden tot 0,3 miljoen euro tegenover 1,0 miljoen euro in 2017. Deze mutatie valt voornamelijk te verklaren door de gestegen niet-contante wisselkoerswinsten op de Amerikaanse dollar.

In 2018 boekte Oxurion een verlies van het boekjaar van 38,7 miljoen euro, tegenover een winst van het boekjaar van 22,6 miljoen euro in 2017, wat leidde tot een negatief verwaterd resultaat per aandeel van 1,01 euro in 2018 euro tegenover 0,62 euro verwaterd resultaat per aandeel in 2017.

Kasstroom

De kaspositie van Oxurion (inclusief investeringen) bedroeg eind 2018 85,1 miljoen euro, in vergelijking met 115,7 miljoen euro (inclusief investeringen en niet-beschikbare banktegoeden) eind 2017.

Balans

Per 31 december 2018 bedroeg het balanstotaal 114,9 miljoen euro waarbij de geldmiddelen, kasequivalenten en investeringen goed waren voor 74% van het balanstotaal, tegenover een balanstotaal van 150,4 miljoen euro per 31 december 2017, toen de geldmiddelen, kasequivalenten, niet-beschikbare banktegoeden en investeringen goed waren voor 77% van de totale balans. De Groep heeft geen externe financiële schulden.

Oxurion NV werd opgericht als ThromboGenics NV op 30 mei 2006 met een kapitaal van 62.000 euro, vertegenwoordigd door 11.124 aandelen. Op 31 december 2018 bedroeg het maatschappelijk kapitaal 137.563.946,83 euro, vertegenwoordigd door 38.291.950 aandelen.

3.4. Bespreking van de statutaire jaarrekening

Boekjaar 2018 werd afgesloten met een verlies van 36,9 miljoen euro, tegenover een winst van 23,8 miljoen euro voor boekjaar 2017.

De bedrijfsopbrengsten van boekjaar 2018 bedroegen 24,7 miljoen euro – ten opzichte van 80,3 miljoen euro in 2017 – en bestaan uit

  • 4,4 miljoen euro uit productverkopen, tegenover 6,3 miljoen euro in 2017. In 2017 werd een eenmalig bedrag van 3,2 miljoen euro geboekt als schikking voor de flaconprijs van de voorgaande jaren;
  • 0,1 miljoen euro uit royalty's, tegenover 1,3 miljoen euro in 2017. De daling in 2018 is voornamelijk het gevolg van het terugkrijgen van alle rechten met betrekking tot JETREA® op de markten buiten de VS in 2017, wat resulteerde in een daling van de royalty's verkregen van Alcon/Novartis;
  • 18,9 miljoen euro uit geactiveerde O&O-uitgaven, tegenover 17,0 miljoen euro in 2017;
  • 1,3 miljoen euro aan overgedragen kosten en andere bedrijfsopbrengsten, tegenover 55,7 miljoen euro in 2017. In 2017 ontving Oxurion van Alcon/Novartis 45,0 miljoen euro en 4,5 miljoen euro als compensatie voor respectievelijk de beëindiging van de overeenkomst voor de commercialisering van JETREA® buiten de VS en voor zijn tussenkomst bij verouderde farmaceutische materialen. Het saldo van de overige bedrijfsopbrengsten in 2017 van 6,2 miljoen euro heeft betrekking op overgedragen kosten en overige bedrijfsopbrengsten.

De bedrijfskosten over het boekjaar 2018 bedroegen 63,2 miljoen euro, tegenover 55,6 miljoen euro over het boekjaar 2017. Deze bedrijfskosten omvatten

  • 12,1 miljoen euro aankopen, tegenover 11,2 miljoen euro in 2017;
  • 18,2 miljoen euro diensten en diverse goederen, tegenover 13,8 miljoen euro in 2017. De O&O-uitgaven in 2018 stegen als gevolg van de preklinische investeringen in THR-687 en THR-149, en de klinische activiteiten voor THR-317;
  • 7,5 miljoen euro bezoldigingen en sociale lasten, tegenover 7,6 miljoen euro in 2017;
  • 24,5 miljoen euro afschrijvingen, tegenover 22,4 miljoen euro in 2017, en
  • 0,9 miljoen euro overige bedrijfskosten, tegenover 0,6 miljoen euro in 2017.

Het bedrijfsverlies bedraagt aldus 38,5 miljoen euro, tegenover een winst van 24,7 miljoen euro een jaar eerder.

De financiële resultaten waren als volgt: 1,1 miljoen euro financiële opbrengsten tegenover 0,3 miljoen euro in 2017, en 0,3 miljoen euro financiële kosten tegenover 1,2 miljoen euro in 2017. Deze mutatie valt voornamelijk te verklaren door de gestegen niet-contante wisselkoerswinsten op de Amerikaanse dollar.

Gunstige aanpassingen op het gebied van inkomstenbelastingen – te danken aan een andere verwerkingsmethode voor belastingtegoeden vanaf 2018 en gebaseerd op CBN-advies 2018/02, gepubliceerd op 21 maart 2018 – waren goed voor een bedrag van 0,8 miljoen euro.

Boekjaar 2018 werd bijgevolg afgesloten met een verlies van 36,9 miljoen euro, tegenover een winst van 23,8 miljoen euro voor boekjaar 2017.

Verder werd in het boekjaar 2018 een bedrag van 0,15 miljoen euro geïnvesteerd, vooral in IT- en laboratoriumapparatuur en kantoorinrichting, tegenover 0,2 miljoen euro in 2017.

Beoordeling van de continuïteit

Overeenkomstig artikel 96, lid 6 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en na overleg, heeft de Raad van Bestuur om de hiernavolgende reden beslist de waarderingsregels te behouden, in de veronderstelling van continuïteit:

Op 31 december 2018 had de vennootschap een sterke positie inzake geldmiddelen en kasequivalenten (inclusief beleggingen) van 84,9 miljoen euro, tegenover 114,9 miljoen euro (inclusief beleggingen en niet-beschikbare banktegoeden) op 31 december 2017. Op 31 december 2018 vertoonde de balans nog steeds een sterk eigen vermogen van 111,1 miljoen euro, tegenover 137,9 miljoen euro op 31 december 2017. Rekening houdend met de huidige beschikbare kaspositie, is de Raad van Bestuur van mening dat alle financiële verplichtingen nagekomen zullen worden en dat alle onderzoeksprogramma's voortgezet kunnen worden. Vermits de vennootschap al haar financiële verplichtingen kan nakomen, meent de Raad van Bestuur dat de vennootschap haar bedrijfsactiviteiten kan voortzetten.

3.5. Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de risico's van de vennootschap

In toepassing van het Belgische vennootschapsrecht heeft Oxurion beslist om de aandeelhouders te informeren over de risico's die verband houden met de vennootschap.

In 2018 en de komende jaren was en blijft Oxurion onderworpen aan de volgende risico's:

  • Om toegang te krijgen tot de markt moet een kandidaat-geneesmiddel dure preklinische en klinische onderzoeken doorlopen. Dat vergt veel tijd en de resultaten van elke fase zijn steeds onzeker.
  • De richtlijnen en voorschriften van de diverse autoriteiten zijn zeer streng en het is moeilijk om de impact ervan te voorspellen.
  • Het zal in de toekomst nog belangrijker en moeilijker worden om terugbetaling van geneesmiddelen te verkrijgen.
  • Oxurion is in grote mate afhankelijk van partners die expertise en verschillende vormen van ondersteuning bieden betreffende de productie, verkoop, marketing, technologie en licentie- en eigendomsrechten.
  • Oxurion is afhankelijk van partnerships voor zijn O&O-activiteiten.
  • Het is mogelijk dat Oxurion de ontwikkelingsprogramma's van de middelen in de pijplijn niet met succes zal kunnen voltooien of dat de vennootschap er niet in slaagt de nodige licenties en vergunningen te bemachtigen om de nieuwe geneesmiddelen op de markt te brengen.
  • Ook is het mogelijk dat de markt niet rijp is voor de kandidaat-geneesmiddelen van Oxurion of dat zij deze niet accepteert.
  • Er heerst veel concurrentie op de farmaceuticamarkt, waarbij sommige spelers veel meer financiële en menselijke middelen hebben dan onze vennootschap.
  • Het is mogelijk dat Oxurion te maken krijgt met schendingen van octrooien of andere intellectuele eigendomsrechten.
  • Oxurion kan te maken krijgen met moeilijkheden om gekwalificeerd personeel aan te trekken.
  • Oxurion heeft geen achtergrond van operationele winstgevendheid, omdat aanzienlijke bedragen worden besteed aan onderzoek en ontwikkeling. Niettemin is het gestart met de uitwerking van gedetailleerde contante-waardeberekeningen (NPV) voor de O&O-pijplijn.
  • Het is mogelijk dat Oxurion bijkomende financiële investeringen nodig heeft om de bestaande activiteiten en/of bijkomende activiteiten in de toekomst te financieren.
  • Oxurion heeft momenteel maar één commercieel product (JETREA®).
  • Op 15 september 2017 verwierf Oxurion opnieuw de volledige wereldwijde rechten op JETREA® van Alcon/Novartis. Hoewel Alcon/Novartis nauw zal samenwerken met Oxurion om de continuïteit te waarborgen en ervoor te zorgen dat bestaande en toekomstige klanten toegang hebben tot JETREA® tijdens een overgangsperiode van maximaal twee jaar (tot 15 september 2019), valt moeilijk te voorspellen of en hoeveel commercieel succes JETREA® zal hebben.

In 2018 was het financieel risicobeheer toegespitst op:

  • Kredietrisico: het kredietrisico is beperkt tot de Amerikaanse markt, waar de vennootschap drie belangrijke distributeurs heeft, die allen kredietwaardig zijn. Ten gevolge van de terugkeer van de rechten op JETREA® in de markt buiten de VS, zal Oxurion de kredietwaardigheid van elke commerciële partner nagaan met de hulp van een gerenommeerd agentschap.
  • Renterisico: de Groep heeft geen financiële schulden en loopt dus geen wezenlijke renterisico's.

• Valutarisico: Oxurion loopt in beperkte mate wisselkoersrisico's en zal inkomende vreemde valuta (USD en GBP) gebruiken om uitgaande vreemde valuta te dekken. Niet-gedekte uitgaande vreemde valuta's worden voldaan door omwisseling in euro. In 2018 heeft Oxurion geen gebruik gemaakt van financiële instrumenten om deze risico's af te dekken.

In dit punt wordt elk genoemd risico nader beschreven:

Voor een geneesmiddel op de markt komt, heeft het een lange weg afgelegd

De Groep moet voor haar kandidaat-geneesmiddelen uitgebreide preklinische en klinische studies uitvoeren om de veiligheid en werkzaamheid bij mensen aan te tonen, vooraleer de nodige goedkeuring van de regelgevende overheden wordt verkregen om deze kandidaat-geneesmiddelen op de markt te brengen. Klinische studies zijn duur en tijdrovend, en de resultaten ervan zijn uiterst onzeker en moeilijk te voorspellen.

Overheidsreglementering en richtlijnen

De kandidaat-geneesmiddelen van Oxurion moeten toestemming krijgen om op de markt te worden gebracht van het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA), de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) en van regelgevende overheden in andere rechtsgebieden alvorens ze mogen worden verhandeld en gecommercialiseerd. Elke regelgevende overheid kan haar eigen eisen stellen en kan weigeren om toestemming te geven (en daarbij het marktpotentieel beperken), of kan bijkomende gegevens vragen alvorens toestemming te geven om het respectieve kandidaat-geneesmiddel op de markt te brengen, ook al werd deze toestemming al door andere overheden gegeven. Veranderingen in het beleid van de regelgevende overheden om toestemming te verlenen of de invoering van bijkomende vereisten door een regelgevende overheid, kunnen ervoor zorgen dat kandidaat-geneesmiddelen geen toestemming krijgen om op de markt te worden gebracht, of dat de toestemming wordt uitgesteld. De procedure voor het verkrijgen van toestemming van de regelgevende overheden is bovendien duur en zeer tijdrovend, en het is moeilijk om te voorspellen hoeveel tijd ervoor nodig is.

Terugbetaling van geneesmiddelen zal in de toekomst nog belangrijker worden

Hoewel de Groep JETREA® in de VS rechtstreeks lanceerde en Oxurion zich na de teruggave van rechten door Alcon/Novartis op markten kan concentreren waar het bedrijf aanwezig wil blijven, is terugbetaling nog steeds afhankelijk van het nationale overheidsbeleid en is er geen garantie dat het terugbetalingsklimaat in deze landen in de toekomst niet zal veranderen (opmerking: de licentieovereenkomst met Alcon/Novartis werd beëindigd op 15 september 2017, zie verderop.)

Steunen op samenwerking met partners

De vennootschap is afhankelijk van huidige en toekomstige samenwerkingsovereenkomsten met ervaren partners voor de ontwikkeling en succesvolle commercialisering van de huidige en toekomstige kandidaat-geneesmiddelen. Deze samenwerkingsverbanden kunnen ertoe leiden dat de ontwikkeling en commercialisering van de kandidaat-geneesmiddelen buiten de controle van de Groep gebeurt en kunnen tot gevolg hebben dat de vennootschap afstand moet doen van belangrijke rechten. Indien de Groep geen samenwerkingsverbanden kan aangaan of alleen tegen ongunstige voorwaarden, kan de ontwikkeling en commercialisering van de bestaande of toekomstige kandidaat-geneesmiddelen vertraging oplopen en kunnen de kosten in dat verband toenemen.

Door de afhankelijkheid van samenwerkingsverbanden met ervaren partners is de Groep vatbaar voor bepaalde risico's, zoals:

  • de vennootschap is mogelijk niet in staat om de middelen of tijd die de partners besteden aan haar kandidaat-geneesmiddelen te controleren;
  • de vennootschap moet mogelijk belangrijke rechten afstaan, met inbegrip van intellectuele eigendomsrechten, marketingen distributierechten;
  • de vennootschap kan mogelijk toekomstige inkomsten (bv. mijlpaalbetalingen of royalty's) mislopen indien een partner er niet in slaagt een van de kandidaat-geneesmiddelen te ontwikkelen of te commercialiseren;
  • een partner kan op eigen kracht of in samenwerking met anderen een concurrerend kandidaat-geneesmiddel ontwikkelen;
  • de bereidheid of het vermogen van een partner om de verplichtingen op grond van de samenwerkingsovereenkomsten na te komen, kunnen nadelig beïnvloed worden door veranderingen in de bedrijfsstrategie van de partner.

Indien een van deze risico's realiteit zou worden, kan de mogelijkheid van de vennootschap om een of meerdere kandidaat-geneesmiddelen te ontwikkelen en te commercialiseren in het gedrang komen.

De Groep kan niet voorspellen dat de kandidaat-geneesmiddelen voldoende veilig of werkzaam zullen blijken in de studies om toestemming te krijgen om op de markt te worden gebracht. Bovendien kunnen de resultaten van eerdere preklinische of klinische studies niet nauwkeurig voorspellen wat de resultaten van studies in een later stadium zullen zijn. De klinische studies kunnen opgeschort of stopgezet worden indien de deelnemende proefpersonen blootgesteld worden aan onaanvaardbare of onverwachte gezondheidsrisico's of indien de kandidaat-geneesmiddelen ongewenste neveneffecten veroorzaken. Klinische studies kunnen worden stopgezet of de ontwikkeling van de kandidaat-geneesmiddelen kan worden beëindigd als de klinische studies negatieve of onbesliste resultaten opleveren of als de resultaten ervan geen beter veiligheids- of doeltreffendheidsprofiel uitwijzen dan vergelijkbare geneesmiddelen.

De vennootschap is afhankelijk van derden voor de productie en levering van de werkzame stoffen voor sommige van haar kandidaat-geneesmiddelen waarvan ze eerst klinische en dan commerciële hoeveelheden moet produceren. Indien de vennootschap een van deze externe partijen als partner en/of als Contract Manufacturing Organization (CMO) zou verliezen of indien deze er niet in zouden slagen om tijdig, in voldoende hoeveelheden en tegen een aanvaardbare prijs bestanddelen van bevredigende kwaliteit te leveren, kunnen de klinische ontwikkeling en de commercialisering van de kandidaat-geneesmiddelen aanzienlijk vertraagd worden.

Afhankelijkheid van partners op het gebied van O&O

De Groep is afhankelijk van externe klinische onderzoekers en klinische onderzoeksorganisaties om de klinische studies uit te voeren (bv. om de werking van die klinische studies te controleren, de gegevens te verzamelen en te analyseren, te rapporteren over de veiligheid en voor andere activiteiten). De Groep heeft mogelijk geen of beperkte controle over deze externe partijen en de Groep kan niet garanderen dat zij hun verplichtingen op efficiënte en tijdige wijze en overeenkomstig hun contractuele verplichtingen zullen nakomen. Indien de klinische onderzoekers en andere externe partijen hun verplichtingen niet nakomen, kan de vennootschap geconfronteerd worden met aanzienlijke vertragingen of mislukkingen in haar klinische ontwikkelingsprogramma's en in de commercialisering van de kandidaat-geneesmiddelen.

De werving van patiënten voor de studies is afhankelijk van heel wat factoren, zoals:

  • het beperkte aantal patiënten dat beschikbaar is voor klinische studies, temeer daar dezelfde patiënten vaak gerecruteerd worden door verschillende studieprogramma's, vaak voor totaal andere behandelingen;
  • de gekozen therapeutische eindpunten voor evaluatie;
  • de deelnamecriteria voor de klinische studie;
  • de omvang van de patiëntenpopulatie die vereist is om de therapeutische eindpunten van de studie te analyseren;
  • de mogelijkheden van de Groep of haar mogelijke toekomstige partners om onderzoekers met de nodige bekwaamheid en ervaring te rekruteren;
  • het aantal patiënten dat de studie verlaat vooraleer het eindpunt wordt bereikt; en
  • de beschikbaarheid van adequate verzekering.

De vennootschap en haar mogelijke toekomstige partners kunnen moeilijkheden ondervinden bij het werven van patiënten voor klinische studies, wat de kostprijs van deze studies kan verhogen en een negatieve invloed kan hebben op de planning en de resultaten ervan.

Het is mogelijk dat Oxurion geen licentie kan verkrijgen voor nieuwe kandidaat-geneesmiddelen of deze niet kan aankopen tegen commercieel redelijke voorwaarden.

De vennootschap vertrouwt op haar mogelijkheden om veelbelovende, nieuwe intellectuele eigendommen en middelen met een groot commercieel potentieel te identificeren en te ontwikkelen, bijvoorbeeld via het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) en via de KULeuven en andere partners, of via haar eigen onderzoek en ontwikkeling. Oxurion heeft de intentie om een licentie te nemen op de rechten voor dergelijke middelen, ze te kopen of bedrijven over te nemen die ze in eigendom hebben. Het toekomstige succes hangt derhalve deels af van de mogelijkheid van de vennootschap om samenwerkingsverbanden aan te gaan met derden om een licentie te verkrijgen voor veelbelovende, nieuwe middelen of om de aankoop van deze middelen of de overname van bedrijven die ze in eigendom hebben te financieren.

De markt is mogelijk niet klaar voor de kandidaatgeneesmiddelen van de vennootschap

Het is mogelijk dat de kandidaat-geneesmiddelen van de Groep, bij commercialisering, niet aanvaard worden door patiënten, artsen of andere gezondheidswerkers. De aanvaarding door de markt van de kandidaat-geneesmiddelen van de Groep hangt onder meer af van de mogelijkheden van de Groep om de klinische werkzaamheid, de veiligheid, de verhouding tussen kostprijs en werkzaamheid, het gebruiksgemak en de gemakkelijke toedieningswijze aan te tonen, naast de andere voordelen ten opzichte van alternatieve behandelingsmogelijkheden. Bovendien kan de mate waarin de vennootschap of haar partners de kandidaat-geneesmiddelen kunnen promoten, op de markt kunnen brengen of voldoende dekking of terugbetaling van derde betalers kunnen verkrijgen, een invloed hebben op het commerciële succes van de kandidaat-geneesmiddelen. Als de kandidaat-geneesmiddelen van de Groep niet worden aanvaard door de markt, kan dit een belangrijke negatieve invloed hebben op het vermogen van de Groep om inkomsten te verwerven.

De farmaceutische markt is zeer concurrentieel

De markt voor farmaceutische geneesmiddelen is zeer concurrentieel. De vennootschap moet het hoofd bieden aan aanzienlijke concurrentie op het gebied van onderzoek, licenties, ontwikkeling en commercialisering van de kandidaat-geneesmiddelen.

De kans bestaat dat de concurrenten van de Groep sneller geneesmiddelen op de markt brengen dan de vennootschap, dat ze geneesmiddelen ontwikkelen die werkzamer of goedkoper zijn, of die een beter profiel qua nevenwerkingen hebben dan de geneesmiddelen en/of kandidaat-geneesmiddelen van de vennootschap. Concurrerende geneesmiddelen kunnen sneller of in grotere mate worden aanvaard door de markt dan de geneesmiddelen van de vennootschap en de medische vooruitgang of snelle technologische ontwikkelingen bij de concurrentie kunnen ertoe leiden dat de kandidaat-geneesmiddelen van de vennootschap niet-concurrerend of verouderd worden nog voor de vennootschap haar onderzoeks-, ontwikkelings-, lancerings- en commercialiseringskosten kan terugverdienen.

Blootstelling aan schending van octrooien en eigendomsrechten

Het succes van de Groep hangt deels af van de mate waarin de Groep en haar licentiehouders octrooien en andere intellectuele eigendomsrechten kunnen verwerven, behouden en uitoefenen. De kandidaat-geneesmiddelen van de vennootschap worden gedekt door verschillende octrooifamilies die ofwel in licentie gegeven zijn aan de Groep of eigendom zijn van de Groep. De Groep kan niet garanderen dat zijzelf of haar licentiehouders deze octrooirechten kunnen verkrijgen of behouden tegenover derden die de geldigheid, het toepassingsgebied en de uitvoerbaarheid ervan betwisten.

Aangezien het octrooirecht in de biofarmaceutische industrie een erg onzekere zaak is, kan de Groep niet garanderen dat haar octrooiaanvragen of toekomstige octrooiaanvragen toegekend zullen worden. De vennootschap kan evenmin garanderen dat het toepassingsgebied van de huidige of toekomstige octrooien ruim genoeg zal zijn om een commercieel betekenisvolle bescherming te bieden tegen inbreuken door of concurrentie van derden.

De Groep is ook afhankelijk van bedrijfsgeheimen, gegevensexclusiviteit en eigen knowhow om haar geneesmiddelen, kandidaat-geneesmiddelen en productieplatforms te beschermen. De Groep levert redelijke inspanningen om haar bedrijfsgeheimen te beschermen, maar kan niet garanderen dat haar partners, werknemers, consultants, adviseurs of andere derden, bewust of onopzettelijk, informatie openbaar maken aan concurrenten.

De handhaving van octrooien, bedrijfsgeheimen, knowhow en andere intellectuele eigendomsrechten is duur, tijdrovend en uiterst onzeker. De vennootschap kan niet garanderen dat het met succes kan voorkomen dat haar octrooien, handelsgeheimen, knowhow en andere intellectuele eigendomsrechten en die van haar licentiehouders onrechtmatig gebruikt worden.

Het succes van de Groep hangt deels af van de mogelijkheden om te werken zonder inbreuk te plegen op de eigendomsrechten van anderen of daarvan misbruik te maken. De Groep kan niet garanderen dat haar activiteiten of die van haar licentiehouders geen inbreuk maken op de octrooien van derden. Het kan gebeuren dat de Groep aanzienlijke tijd en inspanningen moet besteden of aanzienlijke kosten moet dragen om zich te verdedigen tegen rechtszaken over octrooien die tegen de Groep of haar licentiehouders zijn aangespannen. Indien wordt geoordeeld dat de Groep of haar licentiehouders inbreuk hebben gepleegd op de octrooien of andere intellectuele eigendomsrechten van anderen, kan de Groep onderworpen worden aan belangrijke eisen tot schadevergoeding. Dat kan een grote invloed hebben op de kasstroom en financiële toestand van de vennootschap.

Afhankelijkheid van belangrijke personeelsleden en managers en mogelijkheid om deze aan te trekken

Als kleine onderneming met momenteel minder dan 100 werknemers en managers, is het succes van de Groep afhankelijk van de voortgezette inspanningen van de managers en het wetenschappelijk personeel, en van de mate waarin de Groep belangrijke relaties in stand kan houden met toonaangevende academische instellingen, wetenschappers en bedrijven, in het licht van de intense concurrentie voor dergelijk personeel en dergelijke instellingen en bedrijven. Hoewel Oxurion over het algemeen geen grote problemen heeft gehad bij het behouden van belangrijke werknemers, kunnen de werknemers hun tewerkstelling bij de Groep op elk ogenblik beëindigen.

De Groep boekt operationele verliezen sinds de oprichting

Enkel in 2012, 2013 en 2017 rapporteerde de Groep een nettowinst. Deze nettowinst was voornamelijk toe te schrijven aan eenmalige mijlpaalbetalingen die werden ontvangen in het kader van de overeenkomst met Alcon en de eenmalige betaling die werd ontvangen van Alcon/Novartis in het kader van de regeling van het geschil met Alcon/Novartis waardoor de licentieovereenkomst met Alcon/Novartis op 15 september 2017 werd beëindigd (zie toelichting 5.8 voor meer informatie).

De terugkerende productverkopen van JETREA® in de VS, aangevuld met inkomsten uit de verkoop buiten de VS, zijn voorlopig ontoereikend om de terugkerende kosten in verband met het product te dekken. De vennootschap zet momenteel een infrastructuur op die aan de verwachte markt is aangepast, met het oog op winstgevendheid. Deze inspanningen zullen mogelijk vruchteloos blijken met als gevolg dat de kosten in verband met JETREA® niet zullen worden gedekt. In dat geval is het mogelijk dat de vennootschap de commercialisering van JETREA® niet kan voortzetten.

De Groep verwacht dat ze in de toekomst nog meerdere jaren een nettoverlies zal boeken aangezien bijkomende uitgaven nodig zijn voor onderzoek en ontwikkeling alsook voor algemene en administratieve kosten, teneinde nieuwe geneesmiddelen en kandidaat-geneesmiddelen verder te ontwikkelen en te commercialiseren. Deze verliezen zullen onder andere het bedrijfskapitaal en het eigen vermogen van de Groep doen afnemen. Indien de vennootschap niet in staat is om haar geneesmiddelen en kandidaat-geneesmiddelen succesvol te ontwikkelen en te commercialiseren, wordt zij mogelijk nooit winstgevend.

Behoefte aan extra financiële middelen en toegang tot kapitaal

De financieringsbehoeften van de vennootschap zijn afhankelijk van vele factoren, waaronder de vooruitgang, kosten en planning van haar onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten, de kosten en timing om goedkeuring te verkrijgen van de regelgevende overheden, de kosten voor het verwerven, behouden en uitoefenen van haar octrooien en andere intellectuele eigendomsrechten, de kosten en tijd om ervoor te zorgen dat haar geneesmiddelen en kandidaat-geneesmiddelen worden geproduceerd, de kosten en tijd voor het verwerven van verkoop- en marketingcapaciteiten, en de voorwaarden en timing bij het sluiten van samenwerkings- en licentieovereenkomsten en andere partnerships.

Momenteel slechts één commercieel product

De omzet zal in de komende jaren afhangen van de verkoop van slechts één product, JETREA®. De overige kandidaat-geneesmiddelen zijn nog in een vroeg stadium van ontwikkeling en de kans dat deze succesvol op de markt kunnen gebracht worden, is onzeker. Aangezien de vennootschap de ontwikkeling van JETREA® voor bijkomende indicaties zoals niet-proliferatieve diabetische retinopathie (NPDR) heeft stopgezet, zal het commerciële succes van dit geneesmiddel voornamelijk afhangen van de acceptatie ervan door artsen en patiënten voor de goedgekeurde indicaties (namelijk de behandeling van sVMA/VMT).

Toekomstig commercieel succes van JETREA®

Op 15 september 2017 verwierf Oxurion opnieuw de volledige wereldwijde rechten op JETREA® van Alcon/Novartis, op grond van een wederzijdse overeenkomst dat de kenmerken van JETREA® Oxurion beter geschikt maken om een toekomst uit te bouwen voor het product. Alcon/Novartis werkt nauw samen met Oxurion om de continuïteit te waarborgen en ervoor te zorgen dat bestaande en toekomstige klanten toegang hebben tot JETREA® tijdens een overgangsperiode van maximaal twee jaar (tot 15 september 2019). Niettemin valt moeilijk te voorspellen of en hoeveel commercieel succes JETREA® zal hebben. Het toekomstige commerciële succes van JETREA® zal grotendeels afhangen van de vraag of de vennootschap erin zal slagen een succesvol model met derde partijen op te zetten teneinde patiënten en artsen in kritische markten en regio's overal ter wereld toegang tot JETREA® te blijven verschaffen.

3.6. Andere informatie overeenkomstig het Belgische vennootschapsrecht

3.6.1. Gebeurtenissen die zich na het einde van het boekjaar hebben voorgedaan

Tot op heden zijn er geen gebeurtenissen na het einde van het boekjaar 2018 gekend die een impact hebben op de jaarrekening van 2018.

3.6.2. Belangrijke trends die de evolutie van de vennootschap beïnvloeden

De activa op de balans van Oxurion die onderhevig kunnen zijn aan een bijzondere waardevermindering, zijn de boekwaarde van JETREA® VMA/VMT, de immateriële activa bestaande uit de in licentie gegeven integrine-antagonist van Galapagos en de waarde van in licentie gegeven immuno-oncologische middelen in Oncurious.

Wat JETREA® betreft, heeft de teruggave van de rechten voor de niet-Amerikaanse markten door Alcon aan Oxurion bijkomende kosten veroorzaakt in 2018, zoals aangekondigd in het vorige jaarverslag. De inspanningen om de waarde van dit actiefbestanddeel te optimaliseren blijven evenwel lopen. Nu de vennootschap weer de volle eigendom van dit actiefbestanddeel bezit, geeft de berekening van de reële waarde ervan aan dat een bijzondere waardevermindering niet aan de orde is.

Uit het onderzoek met betrekking tot de in licentie gegeven integrine-antagonist van Galapagos en de in licentie gegeven immuno-oncologische middelen van het VIB, is gebleken dat er geen bijzondere waardevermindering nodig was.

De vennootschap had aan het einde van het boekjaar voldoende liquide middelen beschikbaar om, al naargelang de resultaten van de huidige ontwikkelingsfase, nieuwe middelen klinisch te ontwikkelen tot Fase 2.

3.6.3. O&O

Gezien de activiteiten van Oxurion zijn de kosten voor O&O zeer hoog. Ze vertegenwoordigen meer dan 70% van de totale bedrijfskosten voor 2018, tegenover 69% in 2017. De overheidssubsidies en opbrengsten uit de doorrekening van kosten worden afgetrokken van de uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling in het boekjaar 2014. Deze kosten bestaan hoofdzakelijk uit kosten voor klinische onderzoeken betaald aan derden, personeelskosten en afschrijvingen. In 2013 werd een eerste afschrijving geboekt op de geactiveerde kosten met betrekking tot de ontwikkeling in Fase 3 van ocriplasmine voor de behandeling van vitreomaculaire adhesie.

3.6.4. Beoordeling van de continuïteit

Hiervoor verwijzen we naar punt 3.4.

3.6.5. Dochterondernemingen – Bedrijfscombinaties

Op 31 december 2018 heeft Oxurion NV een Amerikaanse 100% dochteronderneming, ThromboGenics, Inc., met zetel in Iselin (New Jersey), een Iers filiaal in Dublin en een dochteronderneming Oncurious NV, waarvan Oxurion momenteel voor 81,67% aandeelhouder is.

Op 3 april 2015 werd Oncurious NV opgericht als naamloze vennootschap die volledig eigendom is van Oxurion NV en ThromboGenics, Inc. Oncurious NV is een onderneming die zich richt op de ontwikkeling van innovatieve geneesmiddelen voor de behandeling van hersentumoren bij kinderen. Bij de oprichting deed Oxurion NV een inbreng in natura bestaande uit de octrooien en knowhow betreffende TB-403 en de rechten en verplichtingen op grond van de contracten voor TB-403 ter waarde van 1.375.000 euro. ThromboGenics, Inc. deed ook een inbreng in contanten van 1.000 euro.

Op 6 augustus 2015 deed het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) een inbreng in natura in Oncurious NV in de vorm van de mogelijke toekomstige royalty's op TB-403 (oncologie) ter waarde van 125.000 euro. Na deze transactie werd het VIB minderheidsaandeelhouder naast Oxurion, met 125 van de in totaal 1.501 aandelen.

Op 12 december 2017 oefende Oncurious het recht uit om een converteerbare lening van 3,0 miljoen euro die door Oxurion NV was toegezegd om te zetten in 3.000 aandelen van Oxurion NV.

Op 12 december 2017 sloot Oncurious NV congruente overeenkomsten met VIB en Oxurion NV waarbij VIB een inbreng in natura doet in de vorm van de rechten op 5 immuno-oncologische behandeldoelen in ruil voor 857 nieuwe aandelen. Wanneer dit wordt gerealiseerd, zal Oncurious NV in totaal over 5.358 aandelen beschikken. Daarvan zal Oxurion NV 4.376 aandelen of 81,67% bezitten en VIB 982 aandelen of 18,33%. Overeenkomstig de evolutie van de ontwikkeling en de investering van Oxurion NV in het programma, zal het aandeel van Oxurion NV stijgen tot 85%. Bij een in de toekomst uit te voeren Proof-of-Concept van een of meer immuno-oncologische behandeldoelen, bezit VIB een calloptie op maximaal 1.230 aandelen die door Oxurion NV moeten worden verstrekt. Zie de informatie over de belangrijkste regelingen in toelichting 5.8 voor meer details over de voorwaarden en de boekhoudkundige behandeling.

3.6.6. Financiële instrumenten

Hiervoor verwijzen we naar punt 5.5.6.

3.6.7. Financieel risicobeheer

Hiervoor verwijzen we naar punt 5.5.7.

3.6.8. Onafhankelijkheid en bevoegdheden van het Auditcomité

Het Auditcomité van de vennootschap is geldig samengesteld overeenkomstig de Belgische Corporate Governance Code 2009 en het Belgische Wetboek van Vennootschappen. Het Auditcomité is samengesteld uit Investea BVBA, vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout, Thomas Clay en Philippe Vlerick. De drie leden van het Auditcomité zijn allemaal onafhankelijke bestuurders. Investea BVBA wordt vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout en heeft als gewezen auditpartner bij PriceWaterhouseCoopers de nodige kwalificaties om het comité te voorzien van de vereiste boekhoudkundige en auditexpertise.

4. Corporate Governance

4.1. Algemene bepalingen

In dit punt worden de regels en principes samengevat waarmee de corporate governance (goed bestuur) van Oxurion wordt georganiseerd. De corporate governance is gebaseerd op de statuten en op het Corporate Governance Charter van de vennootschap, dat is opgesteld op 19 oktober 2006 en sindsdien regelmatig is bijgewerkt. De laatste update werd in 2017 goedgekeurd door de Raad van Bestuur.

Het charter is te vinden op de website van de vennootschap (www.oxurion.com) onder Investors / Corporate Governance en kan kosteloos worden aangevraagd bij de maatschappelijke zetel van de vennootschap.

Het Corporate Governance Charter van Oxurion bevat de volgende specifieke hoofdstukken:

  • Corporate Governance Charter
  • Raad van Bestuur
  • Executive Team en CEO
  • Dealing Code Regels ter voorkoming van handel met voorkennis en marktmisbruik
  • Auditcomité
  • Benoemings- en Renumeratiecomité

4.2. Niet-naleving van de Corporate Governance Code

De Raad van Bestuur van Oxurion neemt zich voor om de Belgische Corporate Governance Code na te leven, maar is van mening dat bepaalde afwijkingen van de bepalingen gerechtvaardigd zijn gezien de bijzondere situatie van de vennootschap.

Vanwege de omvang van de vennootschap heeft de Raad van Bestuur het Benoemingscomité en het Renumeratiecomité gecombineerd en geen Directiecomité opgericht in overeenstemming met artikel 524bis van het Belgische Wetboek van Vennootschappen.

4.3. Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de interne controle en risicoanalyse van de vennootschap

De Raad van Bestuur van Oxurion is verantwoordelijk voor de inschatting van de risico's die eigen zijn aan de vennootschap en voor de evaluatie van de interne controlesystemen.

De interne controlesystemen vervullen een cruciale rol bij het sturen van de activiteiten en het beheersen van de risico's. Ze laten toe de eventuele risico's (strategische risico's, financiële risico's, naleving van wet- en regelgeving) beter te beheersen en te controleren, om zo de vooropgestelde bedrijfsdoelstellingen te behalen. Het interne controlesysteem steunt op vijf pijlers:

  • de controleomgeving;
  • de risicoanalyse;
  • de controleactiviteiten;
  • informatie en communicatie; en
  • toezicht en bijsturing.

4.3.1. De controleomgeving

De controleomgeving wordt bepaald door een geheel van formele en informele regels waarop de goede werking van de vennootschap gebaseerd is.

De controleomgeving omvat de volgende componenten:

• De medewerkers: De Groep heeft verantwoordelijkheid, empowerment, optimisme, betrouwbaarheid, respect, informatie en overleg bepaald als de waarden die het team van Oxurion sturen, met als doel een open bedrijfscultuur tot stand te brengen waarin communicatie en respect voor klanten, leveranciers en medewerkers centraal staan. Er wordt van alle medewerkers verwacht dat zij de bedrijfsmiddelen beheren als een goede huisvader en handelen met het nodige gezond verstand. De informele regels worden, waar nodig, aangevuld met formele regels. Op deze manier wil de Groep gekwalificeerde werknemers aantrekken, motiveren en behouden, in een aangename werkomgeving en met mogelijkheden voor persoonlijke ontwikkeling. Hun expertise en ervaring zullen bijdragen aan het doeltreffende beheer van de vennootschap.

  • De CEO en het Executive Team: Het dagelijkse beheer is de verantwoordelijkheid van de CEO, die wordt gesteund door een Executive Team. Met het oog op een doeltreffend beheer wordt de bevoegdheid deels overgedragen op de dochteronderneming en de verschillende afdelingen binnen Oxurion NV. De delegatie van bevoegdheden is niet gekoppeld aan een persoon, maar aan de functie. Het Executive Team, dat verantwoordelijkheid draagt op groepsniveau, heeft de uiteindelijke controlebevoegdheid over de bevoegde vertegenwoordigers. Alle betrokkenen worden geïnformeerd over de omvang van hun bevoegdheid (regels voor officiële goedkeuring, beperking van bevoegdheid).
  • De Raad van Bestuur bestaat voor het merendeel uit niet-uitvoerende bestuurders. Om zijn taken uit te voeren wordt de Raad van Bestuur bijgestaan door de volgende operationele comités:
    • het Auditcomité, dat de sterkte van de controlemaatregelen regelmatig evalueert;
    • het Remuneratie- en Benoemingscomité, dat het vergoedingsbeleid evalueert;
    • het Executive Team, dat de handelingen en activiteiten van alle medewerkers controleert.

De werking van deze comités en hun verantwoordelijkheden worden beschreven in de volgende rubrieken van dit verslag.

  • Gedragscode: De Gedragscode van Oxurion bestrijkt een breed scala van bedrijfspraktijken en procedures. De Gedragscode behandelt niet elke kwestie die kan voorkomen, maar beschrijft de principes die ten grondslag moeten liggen aan de motieven en handelingen van alle bestuurders, kaderleden en werknemers van Oxurion NV en haar dochterondernemingen. Alle bestuurders, kaderleden en werknemers van Oxurion moeten de Gedragscode naleven en zelfs de schijn van ongeoorloofd gedrag trachten te vermijden. Agenten en vertegenwoordigers van Oxurion, waaronder consultants, dienen de Gedragscode ook te ontvangen en na te leven. Het doel van de Gedragscode is wangedrag te beletten en het volgende te bevorderen:
    • oprecht en ethisch gedrag, waaronder het ethisch omgaan met feitelijke of schijnbare belangenconflicten in persoonlijke en professionele relaties;
    • volledige, eerlijke, correcte, tijdige en begrijpelijke informatieverstrekking in rapporten en documenten die Oxurion indient bij de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) en in andere openbare mededelingen door Oxurion;
    • naleving van alle geldende wetten, regels, voorschriften en gedragscodes van de sector;
    • de interne rapportering van schendingen van de Gedragscode;
    • aansprakelijkheid voor naleving van de Gedragscode.

4.3.2. De risicoanalyse

De Raad van Bestuur bepaalt de strategie, de risicobereidheid en de belangrijkste beleidslijnen van de Groep. Het is de taak van de Raad van Bestuur om te streven naar succes op lange termijn door risico's correct te beoordelen en te beheersen.

Het Executive Team is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van systemen die risico's identificeren, beoordelen en opvolgen.

Het Executive Team introduceert risicoanalyse in alle afdelingen van de Groep en moet worden betrokken bij de uitwerking van de strategie van de Groep. De risicoanalyse bestaat uit een aantal middelen, gedragscodes, procedures en maatregelen die passen in onze structuur, en is er uitsluitend op gericht de risico's op een aanvaardbaar niveau te houden.

De doelstellingen van Oxurion kunnen worden onderverdeeld in vier categorieën:

  • strategisch;
  • operationeel;
  • betrouwbare interne en externe informatie;
  • naleving van de wet- en regelgeving en interne voorschriften.

Risico-identificatie bestaat erin de factoren te onderzoeken die van invloed kunnen zijn op de vooropgestelde doelstellingen in elke categorie. Interne of externe factoren kunnen een invloed hebben op de verwezenlijking van deze doelstellingen.

  • Interne factoren: hangen nauw samen met de interne organisatie en kunnen diverse oorzaken hebben (bv. wijziging van de groepsstructuur, het personeel of ERP-systeem).
  • Externe factoren: kunnen het gevolg zijn van wijzigingen in het economische klimaat, de regelgeving of concurrentie.

De risico's die het Executive Team van Oxurion heeft bepaald, worden gedetailleerd beschreven in punt 3.5.

4.3.3. Controle- en risicobeperkende activiteiten

Om geïdentificeerde risico's behoorlijk te kunnen beheersen heeft Oxurion de volgende controlemaatregelen genomen:

  • toegangs- en beveiligingssystemen in de gebouwen en kantoren;
  • een uniforme administratie, implementatie van hetzelfde ERP-systeem in alle dochterondernemingen;
  • invoering van nieuwe procedures die aansluiten op de ontwikkeling binnen de Groep;
  • aanpassing en bijwerking van de bestaande procedures;

• gebruik van een rapporteringstool (Qlikview) om financiële gegevens op regelmatige basis (kwartaal, jaar) te kunnen rapporteren. De rapporteringstool maakt het in de toekomst ook mogelijk om KPI's te definiëren en regelmatig te beoordelen.

4.3.4. Informatie en communicatie

Om betrouwbare financiële informatie te verschaffen maakt Oxurion gebruik van een gestandaardiseerde rapportering van de rekeningen en een globale toepassing van de IFRS-waarderingsregels.

Gegevens en bescherming van informatie. Afhankelijk van het type gegevens is een specifiek beleid van toepassing. Per disk en per map worden er rechten toegekend aan groepen van personen of uitsluitend aan specifieke personen (gebruikersmap). De gebruikersrechten worden bepaald door de Windows-gebruikersnaam/login, zowel voor gewone databestanden als voor de database. De rechten zijn zodanig toegekend dat alleen de bestanden of gegevens waar de gebruiker toegang toe heeft, kunnen worden gelezen en aangepast. Er is een back-upbeleid voorhanden. Dagelijks wordt van alle gegevens een lokale back-up gemaakt en wekelijks een centrale back-up.

4.3.5. Toezicht en risicobeperking

Het toezicht wordt uitgeoefend door de Raad van Bestuur, het Auditcomité en het Executive Team van de vennootschap.

  • Het Auditcomité heeft als taak de doeltreffendheid van de interne controle en risicoanalyse op te volgen.
  • Het Executive Committee waakt over de implementatie van de interne controle en het risicobeheer, rekening houdend met de aanbevelingen van het Auditcomité.

De risicobeperking omvat talrijke dagdagelijkse activiteiten, zoals:

  • regelmatige updates van de risicobeheersplannen van de vennootschap;
  • beheer door operationele verantwoordelijken;
  • uitwisseling van gegevens met derden ter bevestiging (bv. leveranciers/klanten);
  • scheiding van functies;
  • controle door externe auditors.

Oxurion acht periodieke evaluaties noodzakelijk om de doeltreffendheid van de interne controle en van de ingevoerde procedures te beoordelen. Momenteel is er nog geen specifieke interne auditfunctie binnen de Groep.

Externe controle

Binnen Oxurion wordt de externe controle uitgevoerd door BDO Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door Gert Claes, bedrijfsrevisor. Deze opdracht omvat de controle van de statutaire jaarrekening, de geconsolideerde jaarrekening van Oxurion NV en haar dochterondernemingen.

4.4. Vergoeding van de auditor

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Bezoldiging auditopdrachten 88 85
Andere juridische opdrachten van de auditor 2 10
Andere door het BDO-netwerk verleende diensten 8 9

In 2018 bedroeg de bezoldiging voor auditopdrachten van Oxurion NV en Oncurious NV in totaal 88.009,40 euro.

De vergoedingen in 2018 in verband met andere door het BDO-netwerk verleende diensten hebben betrekking op belastingdiensten die werden verleend in het VK en Ierland en die vooraf door het Auditcomité werden goedgekeurd.

4.5. Bekendmaking van belangrijke deelnemingen

4.5.1. Maatschappelijk kapitaal en aandelen

Op 31 december 2018 bedroeg het maatschappelijk kapitaal van Oxurion NV 137.563.946,87 euro, vertegenwoordigd door 38.291.950 aandelen, alle met dezelfde fractiewaarde. In punt 5.4 wordt een overzicht gegeven van de evolutie van het maatschappelijk kapitaal. Punt 5.7.10 vermeldt tevens de bevoegdheden toegekend aan de Raad van Bestuur met betrekking tot het maatschappelijk kapitaal.

Op 5 januari 2018 vond een kapitaalverhoging van 10,0 miljoen euro plaats waarbij op 22 januari 2018 aan Novartis Pharma AG 2.177.226 nieuwe aandelen werden verstrekt. Het kapitaal verhoogde hierdoor met 9.796.303,31 euro en de uitgiftepremies met 203.696,69 euro.

Op 1 juni 2018 werden bij besluit van de buitengewone vergadering van aandeelhouders de gecumuleerde verliezen van Oxurion NV geëlimineerd door verlaging van de uitgiftepremies voor een bedrag van 157.864.957,06 euro en een kapitaalvermindering ten bedrage van 24.302.544,14 euro.

Op 8 november 2018 gingen warranthouders over tot de conversie van 20.375 warrants. Daarbij werden 20.375 nieuwe aandelen verstrekt en werd het kapitaal met 78.737,97 euro verhoogd, wat het totale aantal aandelen op 38.291.950 en het kapitaal op 137.563.946,87 euro bracht.

De Raad van Bestuur is bevoegd om, binnen de grenzen van het toegestane kapitaal, in het belang van Oxurion en overeenkomstig artikel 596 en volgende van het Belgische Wetboek van Vennootschappen, het voorkeursrecht dat de wet aan de aandeelhouders toekent, op te heffen of te beperken. De Raad van Bestuur is bevoegd om het voorkeursrecht dat de wet aan één of meerdere personen toekent, op te heffen of te beperken, zelfs als deze personen geen werknemers van Oxurion of een dochteronderneming van Oxurion zijn..

4.5.2. Warrantplannen

Oxurion heeft een aantal warrants gecreëerd. Op 31 december 2018 bestonden er twee warrantplannen:

  • het warrantplan 2014, bestaande uit 720.000 warrants die recht geven op telkens één aandeel zoals beslist door de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 4 december 2014;
  • het warrantplan 2017, bestaande uit 1.440.000 warrants die recht geven op telkens één aandeel zoals beslist door de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 20 november 2017.

In punt 5.7.11 wordt meer informatie gegeven over deze warrantplannen en de uitstaande warrants aan het einde van 2018.

4.5.3. Aandeelhouders

Op 31 december 2018, op basis van alle ontvangen transparantieverklaringen, is Oxurion op de hoogte van de volgende deelnemingen:

AANDELEN % VAN HET TOTAAL
AANTAL AANDELEN
De heer Thomas M. Clay en entiteiten
waarover hij zeggenschap heeft
1.790.899 4,68%
Mevrouw Lavinia D. Clay 1.570.656 4,10%
Baron Philippe Vlerick en entiteiten
waarover hij zeggenschap heeft
2.324.719 6,07%
Novartis Pharma AG 2.177.226 5,69%

4.5.4. Bekendmaking van belangrijke deelnemingen

Samen met de statuten van Oxurion, legt de Belgische wetgeving een openbaarmakingsverplichting op aan natuurlijke en rechtspersonen die stemrechtverlenende effecten of effecten die recht geven op stemrechtverlenende effecten, verwerven of overdragen, van zodra, als gevolg van dergelijke verwerving of overdracht, het totaal aantal stemrechten dat rechtstreeks of onrechtstreeks door deze natuurlijke of rechtspersonen wordt aangehouden, alleen of gezamenlijk met anderen, stijgt boven of zakt onder een drempel van 3 procent, 5 procent of een veelvoud van 5 procent van het totaal aantal stemrechten die verbonden zijn aan de effecten van de vennootschap. Een aandeelhouder wiens deelneming groter of kleiner wordt dan een van deze drempels, moet daarvan telkens kennis geven aan de FSMA en aan de vennootschap. De documenten op basis waarvan de transactie werd gerealiseerd, moeten worden ingediend bij de FSMA. De vennootschap is verplicht om de ontvangen kennisgevingen in verband met de afname of toename van de eigendom van effecten in Oxurion van een aandeelhouder de volgende werkdag openbaar te maken en moet deze kennisgevingen vermelden in de toelichting bij haar jaarrekening. Euronext Brussels zal details van deze kennisgevingen publiceren.

4.5.5. Financiële dienstverlening – Kosten voor de diensten van tussenpersonen

De financiële diensten met betrekking tot de aandelen worden in België verstrekt door KBC Bank en zijn kosteloos voor de aandeelhouders.

Aandeelhouders moeten zelf informatie inwinnen over de kosten die verbonden zijn aan de financiële dienstverlening door andere tussenpersonen.

4.6. Samenstelling en werking van de vennootschapsorganen

4.6.1. Samenstelling van de Raad van Bestuur

De vennootschap wordt geleid door een collegiale Raad van Bestuur die het hoogste bestuursorgaan van de vennootschap is. De vennootschap bepaalt het interne reglement van de Raad van Bestuur en neemt dit op in haar Corporate Governance Charter. De rol van de Raad van Bestuur bestaat erin het langetermijnsucces van de vennootschap na te streven door ondernemend leiderschap te garanderen en ervoor te zorgen dat risico's op gepaste wijze worden ingeschat en beheerst. De verantwoordelijkheden van de Raad van Bestuur worden vastgelegd in de statuten van de vennootschap en in het intern reglement van de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur wordt georganiseerd met het oog op een doeltreffende uitvoering van zijn taken. De vennootschap stemt haar managementstructuur af op haar voortdurend evoluerende behoeften.

De Raad van Bestuur beslist over de waarden en strategie van de vennootschap, over haar bereidheid om risico's te nemen en over de algemene beleidslijnen.

De Raad van Bestuur zorgt ervoor dat het noodzakelijke leiderschap en de noodzakelijke financiële en menselijke middelen voorhanden zijn, zodat de vennootschap haar doelstellingen kan realiseren. Bovendien houdt de Raad van Bestuur bij het bepalen van de waarden en strategieën in het voornaamste beleidsplan rekening met maatschappelijk verantwoord ondernemen, genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen.

Sinds 15 juni 2017 treedt Thomas Clay op als voorzitter van de Raad van Bestuur.

Op 26 oktober 2018 aanvaardde de Raad van Bestuur het ontslag van Paul G. Howes als lid van de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur coöpteerde Adrienne Graves als lid van de Raad van Bestuur met ingang van 26 oktober 2018. Per 31 december 2018 bestaat de Raad van Bestuur uit zes leden:

  • Thomas Clay, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder, voorzitter
  • Patrik De Haes (ViBio BVBA), Chief Executive Officer, uitvoerend bestuurder
  • Dr. David Guyer, niet-uitvoerend bestuurder
  • Emmanuèle Attout (Investea BVBA), niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder
  • Baron Philippe Vlerick, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder
  • Adrienne Graves, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder

De Raad van Bestuur was per 26 oktober 2018 als zodanig samengesteld uit twee vrouwelijke en vier mannelijke leden, onder voorbehoud van goedkeuring door de aandeelhouders. De volgende paragrafen bevatten een korte biografie van elke bestuurder die in functie was gedurende het jaar 2018:

Thomas Clay, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder, voorzitter

Thomas Clay is Vice-President van East Hill Management Company, LLC en Chairman en CEO van Golden Queen Mining Co., Ltd. Hij is ook bestuurder van het Clay Mathematics Institute, Inc. Thomas Clay is afgestudeerd aan Harvard College, Oxford University en de Harvard Business School. Thomas vervangt zijn vader Landon Clay, die als eerste externe partij investeerde in Oxurion en in 2011 ontslag nam uit de Raad van Bestuur.

Dr. Patrik De Haes (ViBio BVBA), Chief Executive Officer, uitvoerend bestuurder

Dr. Patrik De Haes heeft meer dan 25 jaar ervaring in de internationale gezondheidszorg, meer bepaald op het gebied van productontwikkeling, marketing en algemeen management. Voordat hij in 2008 CEO van Oxurion werd, stond hij aan het hoofd van de business unit Global Insulin Infusion van Roche. Daarvoor was Patrik President en CEO van Disetronic Medical Systems, Inc, een producent van medische apparatuur in Minneapolis (VS). Hij leidde ook de wereldwijde ontwikkeling en commercialisering van het eerste biotechnologische product van Sandoz Pharma (nu Novartis) in Zwitserland. Als gewezen voorzitter van FlandersBio is Patrik een actief lid van de lokale en regionale biotech- en biowetenschappelijke gemeenschap in België. Patrik is ook uitvoerend voorzitter van Oncurious NV, een nieuwe oncologische onderneming die werd opgericht door Oxurion NV samen met VIB LifeSciences. Patrik heeft een diploma in de Geneeskunde van de Universiteit van Leuven.

Dr. David Guyer, niet-uitvoerend bestuurder

Dr. David Guyer is reeds geruime tijd lid van de retinagemeenschap in de VS. Hij is medeoprichter en uitvoerend voorzitter van Ophthotech Corporation. Daarvoor was hij ook CEO van Ophthotech. Dr. Guyer zit ook in de Raad van Bestuur van Sound Pharmaceuticals, iStar en PanOptica. Hij was medeoprichter, bestuurder en CEO van Eyetech Pharmaceuticals, Inc., dat hij doorheen private, publieke en corporate financieringsrondes leidde. Dr. Guyer zag toe op de snelle ontwikkeling en succesvolle commercialisering van Macugen® (pegaptanib natrium), de eerste door de FDA goedgekeurde VEGF-remmer voor de behandeling van natte maculadegeneratie. Dr. Guyer heeft ook een succesvolle carrière uitgebouwd in de academische geneeskunde als professor en voorzitter van de faculteit Oftalmologie aan de New York University School of Medicine. Dr. Guyer behaalde zijn Bachelor of Science-diploma (BSc) aan Yale College met grootste onderscheiding en zijn diploma Geneeskunde (MD) aan de Johns Hopkins Medical School. Dr. Guyer specialiseerde zich in de oftalmologie aan het Wilmer Ophthalmological Institute in het John Hopkins Hospital en voltooide een retina fellowship in het Massachusetts Eye and Ear Infirmary van de Harvard Medical School.

Paul G. Howes – niet-uitvoerend bestuurder

Paul Howes heeft meer dan 30 jaar ervaring in commerciële strategie, productontwikkeling en management leadership, waarvan een groot deel in de sector van de oftalmologie. Hij is momenteel lid van de Raad van Bestuur van Oxurion en was tot eind 2017 President en Chairman van de dochteronderneming in de VS, ThromboGenics, Inc. Daarvoor was hij lid van de Raad van Bestuur en CEO van Inotek Pharmaceuticals, een aan de NASDAQ genoteerd biotechbedrijf dat geneesmiddelen voor oogheelkunde ontwikkelt. Voordat hij bij Inotek kwam, was Paul Howes President van de regio Amerika voor Bausch & Lomb, waar hij verantwoordelijk was voor de Verenigde Staten, Canada, Latijns-Amerika en Zuid-Amerika voor de bedrijfssegmenten Vision Care, Surgical en Pharmaceuticals van Bausch & Lomb. Voordat hij in 2003 aan de slag ging bij Bausch & Lomb, bekleedde Paul Howes 16 jaar lang verschillende managementfuncties bij Merck & Co, Inc., zoals Executive Director of Hospital Marketing, Vice President Sales and Marketing for Specialty Products, President & CEO van de DuPont Merck Pharmaceutical Company en President van Merck Frosst Canada, Inc. Voor zijn periode bij Merck werkte Paul Howes 11 jaar bij PriceWaterhouseCoopers Canada. Paul Howes is afgestudeerd aan Harvard College en behaalde zijn MBA aan de York University in Toronto, Canada. Hij is ook lid van de Raad van Bestuur van Prevent Blindness, trustee van BioNJ en lid van de Raad van Bestuur van Kish Bancorp.

Emmanuèle Attout (Investea BVBA), niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder

Emmanuèle Attout was van 1994 tot 2014 auditpartner bij PriceWaterhouseCoopers, waar ze verantwoordelijk was voor de audits van een aantal banken, verzekeringsmaatschappijen, investeringsfondsen en asset managers. In de voorbije jaren deed ze de audit van beursgenoteerde bedrijven in de sectoren farmaceutica en levenswetenschappen, waar ze ruime en relevante ervaring opdeed die een verrijking zal zijn voor de Raad van Bestuur en het Auditcomité. Emmanuèle is een onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder en voorzitter van het Auditcomité van Atenor SA en Schréder SA. Ze is lid van de Raad van Toezicht van Eurocommercial Properties NV. In 2009 was ze mede-oprichtster van de ngo Women on Board, waarvan ze bestuurslid is. Ze zetelt ook in de Raad van Bestuur van Toutes à l'école Belgique asbl. Emmanuèle studeerde af in de Toegepaste Economische Wetenschappen aan de Katholieke Universiteit Leuven.

Baron Philippe Vlerick, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder

Philippe Vlerick is de eigenaar, voorzitter en CEO van verschillende bedrijven in België en daarbuiten. Hij is momenteel voorzitter en Chief Executive Officer van de Vlerick Groep (België), voorzitter en CEO van UCO NV, voorzitter van Pentahold, voorzitter van Smartphoto Group, voorzitter van het Festival Van Vlaanderen en commissaris-generaal van Europalia Roemenië. Baron Vlerick is ook vice-voorzitter van KBC Groep, Corelio en Durabilis, en zetelt in de Raad van Bestuur van Exmar, Hamon & Cie, Besix Group, BMT, Etex en L.V.D. (België).

Hij heeft een diploma in de Filosofie en in de Rechten van de Universiteit van Leuven en behaalde een MBA General Management (PUB) aan de Vlerick School of Management in Gent in 1979. Hij behaalde ook een masterdiploma in Business Administration aan de Indiana University, Bloomington (VS, 1980). In 2006 werd hij verkozen tot Manager van het Jaar door Trends, een toonaangevend businessmagazine in België. In 2008 kreeg hij de titel baron en in 2013 werd hij Commandeur van de Leopoldsorde.

Adrienne Graves

Dr. Graves maakt deel uit van de Raad van Bestuur van talrijke ondernemingen en organisaties, zoals Akorn, Inc., Nicox, de American Society of Cataract and Refractive Surgery, de Glaucoma Research Foundation en de American Academy of Ophthalmology. Zij was eerder voorzitster en CEO van Santen, Inc., de Amerikaanse afdeling van het grootste oftalmologisch-farmaceutisch bedrijf in Japan, Santen Pharmaceutical Co., Ltd. Daarvoor was ze Vice-President of Clinical Affairs and Senior Vice-President of Worldwide Clinical Affairs voor Japan, de VS en Europa bij Santen, Inc. Voor haar dienstverband bij Santen, Inc. was Dr. Graves directeur internationale oftalmologie bij Alcon Laboratories, Inc. Ze was tevens medeoprichter van Glaucoma 360 (Glaucoma Research Foundation) en Ophthalmic Women Leaders (OWL). Dr. Graves behaalde haar bachelor in de psychologie met onderscheiding aan de Brown University en haar doctoraat in de psychobiologie aan de Universiteit van Michigan. Ze voltooide tevens een postdoctorale opleiding in de visuele neurowetenschappen aan de Universiteit van Parijs.

4.6.2. Beoordeling van de activiteiten en leden van de Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur hanteert geen formele procedure voor de beoordeling van zijn activiteiten, werking van de comités en de betrokkenheid van iedere bestuurder.

De voorzitter maakt regelmatig een evaluatie van alle onderdelen van de Raad van Bestuur op, in overleg met bestuursleden afzonderlijk en met ondersteuning van het Remuneratiecomité.

Een globale evaluatie wordt verder informeel besproken in de verschillende vergaderingen van de Raad van Bestuur en van de comités om de geschiktheid en effectiviteit van de activiteiten van alle onderdelen van de Raad van Bestuur en de wisselwerking met het Executive Team te garanderen. Met name bij het voorstellen van de verkiezing of herverkiezing van bestuurders, verzekert de Raad van Bestuur door de besprekingen tijdens zijn vergaderingen dat de samenstelling de aangewezen bekwaamheden en diversiteit oplevert.

4.6.3. Vergaderingen van de Raad van Bestuur in het boekjaar 2018

De Raad van Bestuur kwam in 2018 vijf keer bijeen. Met betrekking tot zijn verantwoordelijkheden inzake toezicht werden de volgende onderwerpen besproken en beoordeeld:

• De Raad van Bestuur bepaalt de strategie, risicobereidheid, waarden en belangrijkste beleidslijnen van de vennootschap.

  • De Raad van Bestuur zorgt ervoor dat het noodzakelijke leiderschap en de noodzakelijke financiële en menselijke middelen voorhanden zijn, zodat de vennootschap haar doelstellingen kan realiseren.
  • Bij het bepalen van de waarden en strategieën in het voornaamste beleidsplan houdt de Raad van Bestuur rekening met maatschappelijk verantwoord ondernemen, genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen.
  • De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de kwaliteit en volledigheid van de gepubliceerde financiële informatie. Tegelijk is de Raad van Bestuur verantwoordelijk voor de integriteit en tijdige publicatie van de jaarresultaten en andere belangrijke financiële en niet-financiële informatie die wordt meegedeeld aan aandeelhouders en mogelijke aandeelhouders.
  • De Raad van Bestuur kiest de commissaris op aanbeveling van het Auditcomité en houdt toezicht op diens activiteit, en is verantwoordelijk voor het toezicht op de interne controle, rekening houdend met de evaluatie van het Auditcomité.
  • De Raad van Bestuur houdt toezicht op de verplichtingen van de vennootschap ten aanzien van de aandeelhouders, en weegt daarbij de belangen af van de betrokkenen bij de vennootschap.
  • De Raad van Bestuur stimuleert een doeltreffende dialoog met de aandeelhouders en mogelijke aandeelhouders, op basis van wederzijds begrip van doelen en verwachtingen.
  • In navolging van de aanbevelingen van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad van Bestuur de contracten goed voor de aanstelling van de CEO en de andere leden van het Executive Team. De contracten verwijzen naar de gehanteerde criteria bij het bepalen van de variabele vergoeding. Het contract omvat specifieke bepalingen inzake voortijdige beëindiging van het contract.
  • De Raad van Bestuur kiest de structuur van het Executive Team van de vennootschap, bepaalt de bevoegdheden en verplichtingen, en houdt toezicht op en evalueert de prestaties van het Executive Team.
  • De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de corporate-governancestructuur van de vennootschap en de naleving van de voorschriften inzake corporate governance.

Verdere onderwerpen op de agenda waren:

  • de financiële gegevens van de vennootschap zoals de halfjaarcijfers, de jaarafsluiting, de budgetopvolging en de geconsolideerde resultaten;
  • de toepassing van de IFRS-regels;
  • de eisen van de Belgische FSMA (Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten);
  • de opvolging van dochterondernemingen;
  • zaken van strategische aard, nieuwe en huidige beleggingen, de analyse, bespreking en evaluatie van overnamemogelijkheden;
  • de voorbereiding voor de Algemene Vergadering, de opstelling van jaarverslagen en persberichten;
  • de verzekeringen van de vennootschap;
  • warrant- en retentieplannen.

De Raad van Bestuur kan slechts rechtsgeldig beraadslagen als ten minste de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Als dit quorum niet wordt bereikt, wordt er een oproep gedaan voor een nieuwe vergadering met dezelfde agenda. De beraadslaging en het aannemen van resoluties op deze vergadering zijn rechtsgeldig als ten minste twee bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn. De resoluties van de Raad van Bestuur worden aangenomen bij meerderheid van stemmen. Over onderwerpen die niet op de agenda staan kan de Raad van Bestuur uitsluitend rechtsgeldig beraadslagen als alle leden die persoonlijk aanwezig zijn daarmee akkoord gaan.

Principe 2.9 van de Belgische Corporate Governance Code 2009 beveelt aan dat de Raad van Bestuur een secretaris van de vennootschap aanstelt die de Raad advies geeft inzake alle bestuursaangelegenheden. Op 1 juli 2014 heeft de Raad van Bestuur Claude Sander, de Chief Legal Officer van de vennootschap, benoemd tot secretaris.

Hieronder wordt het aanwezigheidsrooster weergegeven van de vergaderingen van de Raad van Bestuur in 2018:

RAAD VAN BESTUUR VIBIO BVBA THOMAS CLAY DR. DAVID GUYER PAUL G. HOWES
(ONTSLAG OP 26
OKTOBER 2018)
INVESTEA BVBA BARON PHILIPPE
VLERICK
ADRIENNE GRAVES
(GECOÖPTEERD OP 26
OKTOBER 2018)
15 maart 2018 aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig niet aanwezig nvt
7 juni 2018 aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig nvt
6 september 2018 aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig nvt
26 oktober 2018 aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig
6 december 2018 aanwezig aanwezig aanwezig nvt aanwezig aanwezig aanwezig

4.6.4. Comités binnen de Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur heeft een Auditcomité opgericht en een gecombineerd Benoemings- en Renumeratiecomité. De Raad van Bestuur benoemt de leden en de voorzitter van elk comité. Elk comité bestaat uit ten minste drie leden. De samenstelling van de comités in het boekjaar 2018 was als volgt:

Auditcomité: Investea BVBA (vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout), voorzitter; Thomas Clay; Philippe Vlerick.

Het Auditcomité is tijdens het boekjaar 2018 vier keer bijeengekomen.

Benoemings- en Renumeratiecomité: Thomas Clay, voorzitter; Investea BVBA (vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout); Dr. David Guyer.

Het Benoemings- en Renumeratiecomité is tijdens het boekjaar 2018 vier keer bijeengekomen.

De bevoegdheden van deze comités worden beschreven in het Corporate Governance Charter van Oxurion (Bijlage 4 en 5), dat te vinden is op de website van Oxurion (www.oxurion.com).

Hieronder wordt het aanwezigheidsrooster weergegeven van de vergaderingen van de comités in 2018:

AUDITCOMITÉ THOMAS CLAY INVESTEA BVBA, VOORZITTER PHILIPPE VLERICK
13 maart 2018 aanwezig aanwezig aanwezig
7 juni 2018 aanwezig aanwezig aanwezig
4 september 2018 aanwezig aanwezig aanwezig
6 december 2018 aanwezig aanwezig niet aanwezig
BENOEMINGS- EN REMUNERATIECOMITÉ THOMAS CLAY, VOORZITTER INVESTEA BVBA DR. DAVID GUYER
15 maart 2018 aanwezig aanwezig aanwezig
7 juni 2018 aanwezig aanwezig aanwezig
6 september 2018 aanwezig aanwezig aanwezig
6 december 2018 aanwezig aanwezig aanwezig

4.6.5. Executive Team

Oxurion heeft een Executive Team, dat bestaat uit de CEO en de uitvoerende bestuurders. De leden van het Executive Team worden aangesteld door de Raad van Bestuur overeenkomstig het Corporate Governance Charter van Oxurion. Het Executive Team heeft de bevoegdheid om de bedrijfsstrategie voor te stellen en te implementeren, rekening houdend met de waarden van de vennootschap, de risicobereidheid en de belangrijkste beleidslijnen. Het Executive Team is onder andere belast met de leiding van de vennootschap. Het Executive Team is geen directiecomité zoals bedoeld in artikel 524bis van het Belgische Wetboek van Vennootschappen.

De Raad van Bestuur heeft de CEO van de vennootschap aangesteld. De bevoegdheden van de CEO zijn in nauw overleg met hem bepaald door de Raad van Bestuur. De CEO houdt toezicht op de diverse activiteiten en de centrale diensten van de vennootschap.

In 2018 bestond het Executive Team uit:

• ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes – CEO

De details van de vergoeding van het Executive Team staan beschreven in het remuneratieverslag. Hier vindt u een korte biografie van elk lid van het Executive Team dat in functie was op 31 december 2018:

Patrik De Haes (ViBio BVBA) – Chief Executive Officer

Hiervoor verwijzen we naar punt 4.6.1.

4.6.6. Executive Committee

Naast het Executive Team zijn er verschillende managers lid van het Executive Committee. Dit orgaan wordt niet vermeld in het Corporate Governance Charter. De leden van het Executive Committee ondersteunen het Executive Team. In die hoedanigheid hebben de leden van het Executive Committee geen wettelijk gedelegeerde bevoegdheden om de vennootschap te vertegenwoordigen of om de bedrijfsstrategie voor te stellen of te implementeren.

De vergaderingen van het Executive Committee worden bijgewoond door de CEO en de uitvoerende bestuurders. Het Executive Committee is samengesteld uit (31 december 2018):

  • ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes CEO en waarnemend CMO
  • D&V Consult BVBA, vertegenwoordigd door Dominique Vanfleteren – CFO
  • Vinciane Vangeersdaele Chief Commercial Officer
  • Andy De Deene Global Head of Clinical and Product Development
  • Claude Sander Chief Legal Officer & Secretary of the Company
  • Panéga BVBA, vertegenwoordigd door Jean Feyen Head of Preclinical Research
  • Isabelle Decoster Head of HR
  • 4.7. Beleid betreffende transacties en andere contractuele relaties tussen de vennootschap, inclusief verbonden vennootschappen, en haar bestuurders en leden van het Executive Team

4.7.1. Tegenstrijdige belangen van bestuurders en leden van het Executive Team

Artikel 523 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen bevat bijzondere bepalingen die moeten worden nageleefd telkens wanneer een bestuurder rechtstreeks of onrechtstreeks een tegenstrijdig belang van vermogensrechtelijke aard heeft bij een beslissing of transactie die tot de bevoegdheid behoort van de Raad van Bestuur.

In overeenstemming met Bijlage 2 van het Corporate Governance Charter van de vennootschap inzake transacties of andere contractuele relaties tussen de vennootschap, inclusief verbonden vennootschappen, en haar bestuurders en leden van het Executive Team, dienen dergelijke transacties te worden voorgelegd aan de Raad van Bestuur.

In 2018 was er één tegenstrijdig belang:

Raad van Bestuur van 6 december 2018

Tegenstrijdig belang met betrekking tot het behalen van de bedrijfsdoelstellingen voor 2018

(A) VERKLARING

Patrik De Haes heeft verklaard dat hij een tegenstrijdig belang had in de zin van artikel 523 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen met betrekking tot agendapunt 2, namelijk het behalen van de bedrijfsdoelstellingen voor 2018. Dit belangenconflict resulteert uit de volgende omstandigheden: Patrik De Haes is de permanente vertegenwoordiger van ViBio BVBA, dat optreedt als CEO van de vennootschap. Als uitvoerend lid van de Raad van Bestuur heeft hij recht op een jaarlijkse variabele vergoeding. Het bedrag van die variabele vergoeding is afhankelijk van de beoordeling door de Raad van Bestuur of de bedrijfsdoelstellingen al dan niet behaald zijn en zijn beslissing over het uitbetalingspercentage van de variabele vergoeding.

(B) BESCHRIJVING VAN DE RESOLUTIE EN RECHTVAARDIGING

De voorgestelde resolutie betreft de variabele vergoeding die dient te worden verstrekt op het directieniveau van de vennootschap, onder meer aan ViBio BVBA. In de biotechnologische en farmaceutische sector is het standaardpraktijk dat senior executives worden aangemoedigd door middel van een variabele vergoeding die afhankelijk is van het behalen van de bedrijfsdoelstellingen.

(C) GEVOLGEN

De voornoemde bestuurder heeft zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en het besluitvormingsproces met betrekking tot de voornoemde resolutie.

4.7.2. Transacties met verbonden vennootschappen

Artikel 524 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen voorziet in een speciale procedure die moet worden nageleefd bij transacties met verbonden vennootschappen of dochterondernemingen van Oxurion. Deze procedure is niet van toepassing op beslissingen of transacties die plaatsvinden bij normale bedrijfsuitoefening en normale marktomstandigheden of op beslissingen of transacties die minder dan één procent van de geconsolideerde nettoactiva van de vennootschap vertegenwoordigen. In overeenstemming met Bijlage 2 van het Corporate Governance Charter van de vennootschap inzake transacties of andere contractuele relaties tussen de vennootschap, inclusief verbonden vennootschappen, en haar bestuurders en leden van het Executive Team, dienen dergelijke transacties te worden voorgelegd aan de Raad van Bestuur.

4.7.3. Protocol betreffende transacties met verbonden partijen

  • 1. Patrik De Haes wordt vergoed via de managementovereenkomsten tussen Oxurion NV en ViBio BVBA (een vennootschap waarvan Patrik De Haes bestuurder is). In het kader van deze consultancy-overeenkomst betaalde de Oxurion Groep in 2018 een totaalbedrag van 549 k euro.
  • 2. In 2018 werd voor niet-uitvoerende bestuurders in totaal 167 k euro betaald voor de uitvoering van hun mandaat in de Raad van Bestuur.

We verwijzen naar punt 4.9 voor het remuneratieverslag over het boekjaar 2018.

4.7.4. Reglementering inzake marktmisbruik

In Bijlage 3 van het Corporate Governance Charter van Oxurion, zoals gepubliceerd op de website, worden de regels beschreven om te voorkomen dat vertrouwelijke informatie onwettig wordt gebruikt of zelfs dat de indruk wordt gewekt van een dergelijk onwettig gebruik door bestuurders, aandeelhouders, leden van het management en belangrijke werknemers (insiders).

De voorzorgsmaatregelen tegen handel met voorkennis betreffen onder andere de verplichting om lijsten van insiders samen te stellen, de vereisten inzake beleggingsaanbevelingen, de meldplicht voor insider-transacties en de verplichting voor tussenpersonen om verdachte transacties te melden. De maatregelen zijn vastgesteld in Verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en van de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (Verordening marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn 2003/6/EG van het Europees Parlement en van de Raad en Richtlijnen 2003/124, 2003/125/EG en 2004/72/ EG van de Commissie.

Conform de Europese Verordening marktmisbruik heeft Oxurion NV een lijst opgesteld van de personen in de vennootschap die, op basis van een arbeidscontract of anderszins, werkzaam zijn en op regelmatige of incidentele basis toegang hebben tot voorkennis die rechtstreeks of onrechtstreeks op Oxurion NV betrekking heeft. Deze lijsten dienen regelmatig bijgewerkt te worden en moeten gedurende 5 jaar ter beschikking gehouden worden van de FSMA.

Conform de Europese Verordening marktmisbruik werd aan de leden van de Raad van Bestuur en het management de verplichting opgelegd om transacties in effecten van Oxurion NV te melden aan de FSMA.

4.8. Kapitaalverhoging door de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal en bepalingen die van toepassing zijn in geval van een openbaar overnamebod op de vennootschap (artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007)

a. De bevoegdheden van de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal

Artikel 47 van de statuten van de vennootschap bevat de volgende bepalingen met betrekking tot het toegestane kapitaal. De bevoegdheden van de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal werden hernieuwd op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 6 juni 2016 voor een periode van vijf jaar vanaf de publicatie van de akte van statutenwijziging in het Belgisch Staatsblad. De Raad van Bestuur is bevoegd om het geplaatste maatschappelijk kapitaal van de vennootschap in één of meerdere malen te verhogen tot een bedrag dat gelijk is aan de huidige waarde van het maatschappelijk kapitaal, in contanten of in natura of door omzetting van de reserves, overeenkomstig artikel 604 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen. De Raad van Bestuur kan ook overgaan tot de uitgifte van converteerbare obligaties of warrants tegen dezelfde voorwaarden.

b. "Change of Control"-bepaling met betrekking tot warrants uitgegeven door de vennootschap

Op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 4 december 2014 werden 720.000 warrants uitgegeven onder het Warrantplan 2014, waarvan reeds 692.500 warrants werden toegekend. Onder dit plan werden 20.375 warrants uitgeoefend en 276.875 warrants zijn vervallen. De overige 27.500 warrants uitgegeven onder het Warrantplan 2014 zullen niet worden toegekend.

Het Warrantplan 2014 bevat de volgende "Change of Control"-bepaling in geval van een openbaar overnamebod op de vennootschap:

"Indien de vennootschap het voorwerp wordt van een openbaar overnamebod, zullen de reeds toegekende warrants onmiddellijk verworven zijn en uitoefenbaar worden tijdens een uitoefenperiode van dertig kalenderdagen volgend op de formele kennisgeving van het openbaar overnamebod aan de vennootschap door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA)."

Op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 20 november 2017 werden 1.440.000 warrants uitgegeven onder het Warrantplan 2017, waarvan reeds 434.000 warrants werden toegekend en aanvaard, en 506.500 werden toegekend maar nog niet aanvaard. Onder dit Warrantplan 2017 werden geen warrants uitgeoefend en 13.000 warrants zijn vervallen.

Het Warrantplan 2017 bevat de volgende "Change of Control"-bepaling in geval van een openbaar overnamebod op de vennootschap:

"Indien de vennootschap het voorwerp wordt van een openbaar overnamebod, zullen de reeds toegekende warrants onmiddellijk verworven zijn en uitoefenbaar worden tijdens een uitoefenperiode van dertig kalenderdagen volgend op de formele kennisgeving van het openbaar overnamebod aan de vennootschap door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA)."

c. "Change of Control"-bepaling met betrekking tot bepaalde managementovereenkomsten

De buitengewone vergadering van aandeelhouders van 9 april 2009 verleende conform artikel 556 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen haar goedkeuring om de managementovereenkomsten van het senior management aan te passen. Er werd een compensatieregeling goedgekeurd voor het geval er een significante wijziging optreedt in de respectieve managementovereenkomsten als gevolg van een openbaar overnamebod. Deze compensatie zal bij een controlewijziging van de vennootschap verschillend zijn al naargelang het initiatief tot stopzetting van de managementovereenkomst uitgaat van de vennootschap of van de betrokken manager. In het eerste geval zal de compensatie 18 maanden bedragen; in het tweede geval 12 maanden.

4.9. Remuneratieverslag over het boekjaar 2018

4.9.1. Vergoedingsbeleid in het algemeen

Het vergoedingsbeleid van de vennootschap is erop gericht om gerenommeerde mensen met de nodige ervaring aan te trekken om een blijvend duurzame en winstgevende groei te garanderen. Het beleid dient erop gericht te zijn deze mensen bij de vennootschap te houden en te motiveren. Het vergoedingsbeleid wordt bepaald door de Raad van Bestuur op voorstel van het Benoemings- en Renumeratiecomité. De prestatiecriteria worden bepaald door de Raad van Bestuur in overleg met de CEO.

Het totale vergoedingspakket omvat drie elementen:

  • een vaste maandelijkse vergoeding;
  • een variabele component, gebaseerd op de bedrijfsdoelstellingen en persoonlijke doelstellingen;
  • een vergoeding in de vorm van warrants.

De principes voor de vaste en variabele vergoeding zijn reeds verschillende jaren van toepassing en de vennootschap verwacht geen ingrijpende wijzigingen in de nabije toekomst.

De variabele component is gebaseerd op bedrijfsdoelstellingen die vooraf aan het begin van elk jaar worden vastgesteld en worden afgesproken tussen het Executive Team en het Benoemings- en Renumeratiecomité, en vervolgens worden gevalideerd door de Raad van Bestuur. Deze variabele component is een jaarlijkse incentive die gekoppeld is aan de verwezenlijking van de jaarlijkse bedrijfsdoelstellingen en de jaarlijkse individuele doelstellingen. Met uitzondering van de CEO, is geen enkel percentage van de variabele vergoeding op basis van bedrijfs- en persoonlijke doelstellingen hoger dan 25%. De mate waarin elk van de doelstellingen is behaald, bepaalt het totale % van het bedrag van de incentive. Aangezien deze component jaarlijks wordt toegewezen, is het een contante incentive op korte termijn. Een verdere beschrijving van de prestatieberekening is gevoelige informatie en wordt daarom niet bekendgemaakt in het Jaarverslag van de vennootschap.

De Groep heeft via verschillende warrantplannen warrants toegekend aan werknemers, consultants en bestuurders. Warrants worden toegekend volgens de regels die de Raad van Bestuur vaststelt op basis van het individuele managementniveau van elke in aanmerking komende begunstigde. In overeenstemming met de standaardpraktijk in de sector hangt de verstrekking van warrants niet samen met iemands individuele prestaties, maar worden warrants verspreid om ervoor te zorgen dat medewerkers op managementniveau zich voor de lange termijn engageren om de waarde voor de aandeelhouders op lange termijn te optimaliseren. Voor alle plannen wordt de verwerving van de warrants gespreid over meer dan één jaar. In toelichting 5.7.11 wordt meer informatie gegeven over deze warrantplannen en de uitstaande warrants aan het einde van 2018.

Oxurion biedt geen prestatiegerelateerde premies aan in de vorm van aandelen, opties of andere rechten om aandelen te verwerven. De warrants toegekend aan de leden van de Raad van Bestuur (met inbegrip van de CEO), aan werknemers en consultants worden niet beschouwd als een (prestatiegebonden of andere) variabele vergoeding zoals gedefinieerd door het Belgische Wetboek van Vennootschappen.

Op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 20 november 2017 werd beslist dat Oxurion uitdrukkelijk zou afwijken van de specifieke bepalingen van art. 520ter van het Belgische Wetboek van Vennootschappen inzake de spreiding van variabele vergoedingen in de tijd. Deze beslissing wordt niet uitzonderlijk geacht voor de biotechnologische en farmaceutische sector.

De door Oxurion aangeboden variabele vergoeding voorziet niet in een "claw back"-clausule, aangezien:

  • de uitbetaling van de variabele component, op basis van de jaarlijkse bedrijfsdoelstellingen en de jaarlijkse persoonlijke doelstellingen met het oog op het behalen van het jaarresultaat, slechts gebeurt wanneer die doelstellingen behaald zijn;
  • voor warrants eerst een uitgaande kasstroom bij de begunstigde nodig is, om tegen uitoefenprijs in te schrijven op de onderliggende kapitaalverhoging. Bovendien ontvangt de begunstigde, net zoals alle andere aandeelhouders, slechts een opbrengst in geval de sterkere prestatie daadwerkelijk in de aandelenkoers tot uiting komt.

4.9.2. Vergoeding van de bestuurders

De procedure voor de vaststelling van het vergoedingsbeleid en de vergoeding van de leden van de Raad van Bestuur wordt vastgelegd door de Raad van Bestuur op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité, rekening houdend met de relevante benchmarks (die geschikte en vergelijkbare bedrijven in aanmerking nemen) en, voor de leden van het Executive Team, ook met het prestatiebeoordelingssysteem van de Groep.

De vergoeding van de leden van de Raad van Bestuur en de toekenning van warrants aan de leden van de Raad van Bestuur worden door de Raad van Bestuur ter goedkeuring voorgelegd aan de algemene vergadering van aandeelhouders en worden pas na deze toestemming ingevoerd.

De vaste en variabele vergoeding van de CEO (die lid is van de Raad van Bestuur) wordt vastgesteld door de Raad van Bestuur op basis van een machtiging van de algemene vergadering van aandeelhouders. De vaste en variabele vergoeding van en toekenning van warrants aan de andere leden van het Executive Team wordt vastgesteld door de Raad van Bestuur, op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité.

Niet-uitvoerende bestuurders

In het kader van de huidige remuneratie- en vergoedingsregeling ontvangen de niet-uitvoerende bestuurders een vaste vergoeding voor hun lidmaatschap van de Raad van Bestuur en voor hun aanwezigheid op de vergaderingen van de comités waarvan zij lid zijn:

Voor niet-uitvoerende bestuurders is er een vaste vergoeding van 10.000 euro per jaar.

Deelname aan een vergadering van de Raad van Bestuur en van de comités geeft recht op een zitpenning van 2.000 euro per vergadering. Bestuurders die per telefoon of videoconferentie deelnemen aan een vergadering van de Raad van Bestuur of van een comité, hebben recht op een zitpenning van 1.000 euro per vergadering.

De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen warrants.

De vergoeding voor de uitvoerende bestuurders en de voorzitter van de Raad van Bestuur voor 2018 wordt hieronder beschreven. Op individuele basis werden de volgende bedragen betaald over het boekjaar dat eindigde op 31 december 2018:

David Guyer 24 k euro
Investea SPRL, vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout 32 k euro
Philippe Vlerick 21 k euro
Adrienne Graves 7 k euro

Voor de niet-uitvoerende bestuurders is er geen ontslagpremie voorzien. Op 31 december 2018 waren er geen uitstaande leningen van de vennootschap aan enig lid van de Raad van Bestuur. David Guyer ontving in 2018 naast zijn bestuurdersvergoeding een vergoeding van 76 k euro (90 k USD) voor consultancy-diensten.

In oktober 2018 vergeleek het Benoemings- en Remuneratiecomité de vergoeding van de bestuurders met die van vergelijkbare ondernemingen (aan Euronext genoteerde biotechbedrijven) om ervoor te zorgen dat deze marktconform is. Op basis van deze benchmarkoefening en de noodzaak om de vergoeding te koppelen aan de tijd die aan het werk van de Raad van Bestuur en zijn comités wordt besteed, heeft het Benoemings- en Remuneratiecomité aan de Raad van Bestuur de aanbeveling gedaan om de vergoeding van de bestuurders te wijzigen en de niet-uitvoerende bestuurders aandelengerelateerde incentiveprogramma's aan te bieden teneinde niet-uitvoerende bestuurders met de meest relevante vaardigheden, kennis en expertise aan te trekken of te behouden. Op 26 oktober 2018 en op basis van deze aanbeveling besliste de Raad van Bestuur om de algemene vergadering van aandeelhouders van de vennootschap in mei 2019 voor te stellen om een nieuwe remuneratie- en vergoedingsregeling goed te keuren en een warrantplan uit te werken voor niet-uitvoerende bestuurders, met als doel nadelen ten opzichte van concurrenten en vergelijkbare ondernemingen te vermijden.

De nieuwe remuneratie- en vergoedingsregeling voor de voorzitter, de onafhankelijke bestuurders en de niet-uitvoerende bestuurders wordt pas van kracht na goedkeuring door de algemene vergadering van aandeelhouders van de vennootschap (die naar verwachting de regeling op de jaarlijkse algemene vergadering van de vennootschap op 2 mei 2019 zal goedkeuren). Het nieuwe vergoedingspakket bestaat uit een vaste jaarlijkse vergoeding van 60.000 euro voor de voorzitter en 30.000 euro voor de andere onafhankelijke bestuurders. De vergoeding wordt aangevuld met een vaste jaarlijkse vergoeding van 6.000 euro voor het lidmaatschap van het Auditcomité en 4.000 euro voor het lidmaatschap van het Remuneratie- en Benoemingscomité van de Raad van Bestuur, te verhogen met 6.000 euro als de betrokken bestuurder voorzitter is van het Auditcomité of met 4.000 euro als de betrokken bestuurder voorzitter is van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De voorzitter van de Raad van Bestuur zal geen vergoedingen ontvangen voor zijn/haar lidmaatschap of voorzitterschap van een van de comités. Indien een bestuurder minder dan 75% bijwoont van de geplande jaarlijkse bestuurs- of comitévergaderingen, waarvan hij of zij persoonlijk of telefonisch lid is, zal het betreffende geldbedrag pro rata worden verminderd.

Naast de bovenvermelde vergoeding zullen de niet-uitvoerende bestuurders recht hebben op warrants van de vennootschap en een terugbetaling van redelijke onkosten die werkelijk zijn gemaakt naar aanleiding van de deelname aan de vergaderingen van de Raad van Bestuur. Deze vergoedingsstructuur is erop gericht actieve deelname aan vergaderingen van de Raad van Bestuur en de comités te stimuleren. De vaste vergoeding voor de niet-uitvoerende leden is gerechtvaardigd door het feit dat een goede werking van deze comités voldoende voorbereiding door de leden vergt. De toekenning van warrants aan niet-uitvoerende bestuurders is een gebruikelijke methode in de sector waarin Oxurion actief is.

Het objectieve en onafhankelijke oordeel van de niet-uitvoerende bestuurders wordt verder aangemoedigd door het feit dat ze geen andere vergoeding ontvangen van de vennootschap dan hun vaste vergoeding als bestuurder en hun zitpenningen (deze zullen worden stopgezet na goedkeuring door de aandeelhouders van de nieuwe remuneratie- en vergoedingsregeling). David Guyer is hierop een uitzondering omdat hij ook ad hoc consultancy-diensten verleent.

De vergoeding van de niet-uitvoerende bestuurders bevat geen variabel deel. Er zijn bijgevolg geen prestatiecriteria van toepassing op de vergoeding van de niet-uitvoerende bestuurders. Het mandaat van de bestuurders kan ad nutum (op elk ogenblik) worden beëindigd zonder enige vorm van vergoeding.

Uitvoerend bestuurders

Paul Howes ontving een vergoeding van 17 k euro als lid van de Raad van Bestuur.

Uitvoerend bestuurder, ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes, heeft geen vergoeding voor zijn mandaat ontvangen. De vergoeding voor ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes, met betrekking tot zijn verantwoordelijkheden als CEO, wordt hieronder beschreven.

Voorzitter van de Raad van Bestuur

Gezien de belangrijke en actieve rol in de operationele en strategische begeleiding van de vennootschap, betaalde Oxurion over het boekjaar 2018 de volgende bedragen aan Thomas Clay:

  • een vaste vergoeding van 20 k euro;
  • zitpenningen van 4 k euro per vergadering voor vergaderingen van de Raad van Bestuur en van de comités.

Op individuele basis is het volgende bedrag betaald over het boekjaar dat eindigde op 31 december 2018:

Thomas Clay 46 k euro

De vennootschap heeft geen verzekeringen afgesloten ten gunste van de voorzitter.

CEO

In het boekjaar 2018 heeft Oxurion 549 k euro betaald als vergoeding voor de CEO, ViBio BVBA, met Patrik De Haes als permanente vertegenwoordiger. Dat omvat:

  • een vaste vergoeding, bestaande uit een basisvergoeding van 459 k euro;
  • een variabele component van 90 k euro. Deze variabele component is gebaseerd op belangrijke jaarlijkse bedrijfsdoelstellingen die vooraf aan het begin van het jaar worden vastgesteld en worden afgesproken tussen het Executive Team en het Benoemings- en Renumeratiecomité, en vervolgens worden gevalideerd door de Raad van Bestuur. Voor de CEO hangt deze variabele vergoeding uitzonderlijk af van de verwezenlijking van de bedrijfsdoelstellingen; persoonlijke doelstellingen worden niet in aanmerking genomen. De variabele vergoeding voor de CEO in 2018 komt overeen met 19,6% van de vaste vergoeding.

De CEO neemt deel aan de verschillende warrantplannen van Oxurion. In totaal heeft de CEO recht op de volgende warrants:

  • Onder het warrantplan "2014": 90.000 warrants tegen een uitoefenprijs van 6,9236 euro/aandeel die definitief verworven worden over een periode van 3 jaar.
  • Onder het warrantplan "2017": 200.000 warrants tegen een uitoefenprijs van 4,593 euro/aandeel waarvan 200.000 werden toegekend en aanvaard. De ene helft daarvan wordt definitief verworven over een periode van 2 jaar; de andere helft over een periode van 3 jaar.

We verwijzen naar punt 4.9.1 in verband met de afwijking van art. 520ter van het Belgische Wetboek van Vennootschappen.

Op 31 december 2018 had de CEO 100.000 aandelen Oxurion NV.

Voor de CEO is een ontslagpremie voorzien. Bij ontslag zou de CEO een ontslagpremie van 12 maanden krijgen, behalve in geval van een controlewijziging. In het laatste geval zou de ontslagpremie 12 maanden zijn als de CEO de Groep op eigen initiatief zou verlaten of 18 maanden als de CEO zou worden gevraagd om de Groep te verlaten.

4.9.3. Vergoeding van het key management

Hiervoor verwijzen we naar punt 5.5.8.

5. Geconsolideerde jaarrekening

5.1. Geconsolideerde winst- en verliesrekening

IN '000 EURO (VOOR HET BOEKJAAR EINDIGEND OP 31 DECEMBER) TOELICHTING 2018 2017
Opbrengsten 5.320 9.055
Verkopen 5.6.1 5.221 4.552
Royalty-inkomsten 5.6.1 99 1.258
Regeling kostprijs verkochte goederen vorige jaren 5.6.1 0 3.245
Kostprijs van de verkoop 5.6.2 -3.355 -2.579
Brutowinst 1.965 6.476
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten 5.6.3 -29.523 -23.186
Algemene en administratieve kosten 5.6.4 -6.349 -6.226
Distributiekosten 5.6.5 -6.217 -4.247
Overige bedrijfsopbrengsten 5.6.6 883 50.449
Bedrijfsresultaat -39.241 23.266
Financiële opbrengsten 5.6.7 796 392
Financiële kosten 5.6.8 -324 -1.029
Resultaat vóór belastingen -38.769 22.629
Belastingen 5.6.11 -10 -14
Resultaat van het jaar -38.779 22.615
Toerekenbaar aan:
Houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij -38.474 22.788
Minderheidsbelangen -305 -173
Resultaat per aandeel
Gewoon (euro) 5.6.12 -1,01 0,63
Verwaterd (euro) 5.6.12 -1,01 0,62
IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) TOELICHTING 2018 2017
Resultaat van het jaar -38.779 22.615
Koersverschillen uit de omrekening van buitenlandse verrichtingen 62 -150
Niet-gerealiseerde resultaten voor de periode 62 -150
Niet-gerealiseerde resultaten voor de periode die niet kunnen worden geherclassificeerd 62 -150
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode -38.717 22.465
Toerekenbaar aan:
Houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij -38.412 22.638
Minderheidsbelangen -305 -173

5.2. Geconsolideerde balans

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) TOELICHTING 2018 2017
ACTIVA
Materiële vaste activa 5.7.1 614 991
Immateriële activa 5.7.2 20.450 23.603
Overige vaste activa op lange termijn 5.7.3 127 126
Belastingen op lange termijn 5.7.5 2.584 1.434
Vaste activa 23.775 26.154
Voorraad 5.7.4 1.036 2.204
Handelsvorderingen en overige vorderingen 5.7.5 4.219 4.295
Belastingen op korte termijn 5.7.5 707 2.054
Beleggingen 5.7.6 20.475 49.555
Geldmiddelen en kasequivalenten 5.7.7 64.652 56.175
Niet-beschikbare banktegoeden 5.7.7 0 10.000
Vlottende activa 91.089 124.283
Totaal activa 114.864 150.437

EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN

Aandelenkapitaal 5.7.10 137.564 151.991
Uitgiftepremies 5.7.10 13 157.661
Gecumuleerde omrekeningsverschillen -273 -335
Overige reserves 5.7.11 -12.563 -13.141
Ingehouden resultaat -19.853 -163.546
Eigen vermogen toerekenbaar aan de houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij 104.888 132.630
Minderheidsbelangen 422 727
Totaal eigen vermogen 105.310 133.357
Handelsschulden 5.054 3.298
Overige kortetermijnverplichtingen 5.7.8 4.500 13.782
Kortlopende verplichtingen 9.554 17.080
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 114.864 150.437

5.3. Geconsolideerd kasstroomoverzicht

IN '000 EURO (VOOR HET BOEKJAAR EINDIGEND OP 31 DECEMBER) TOELICHTING 2018 2017
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten
Winst (verlies) van het boekjaar -38.779 22.615
Financiële kosten 5.6.8 324 1.029
Financiële opbrengsten 5.6.7 -796 -392
Afschrijving op materiële vaste activa 5.7.1 474 674
Afschrijving op immateriële vaste activa 5.7.2 3.153 3.156
Kosten uit op aandelen gebaseerde betalingen 5.6.9 592 176
Afname van handels- en overige vorderingen inclusief belastingsvorderingen en voorraad 1.441 3.734
Toename/afname (-) van kortetermijnverplichtingen 2.474 -4.697
Netto kasstromen gegenereerd uit / gebruikt bij (-) bedrijfsactiviteiten -31.116 26.295
Kasstromen uit investeringsactiviteiten
Buitengebruikstellingen van materiële vaste activa (naar aanleiding van een verkoop) 5.7.1 98 323
Afname/toename (-) van beleggingen 5.7.6 29.066 -27.738
Ontvangen rente en gelijkaardige inkomsten 5.6.7/8 141 22
Aankoop van materiële vaste activa 5.7.1 -195 -246
Aankoop / desinvestering (-) van overige vaste activa op lange termijn 5.7.3 -1 76
Netto kasstromen gegenereerd uit / gebruikt bij (-) investeringsactiviteiten 29.109 -27.562
Kasstromen uit financieringsactiviteiten
Niet-beschikbare banktegoeden bestemd voor de emissie van aandelenkapitaal 5.7.7 0 10.000
Opbrengsten uit verhoging van kapitaal en uitgiftepremies, uitoefening warrants 5.7.10 92 0
Betaalde rente 5.6.8 -8 -11
Netto kasstromen gegenereerd uit financieringsactiviteiten 84 9.989
Nettomutatie in geldmiddelen en kasequivalenten -1.924 8.722
Netto geldmiddelen, kasequivalenten en niet-beschikbare banktegoeden aan het begin van de periode 5.7.7 66.175 58.251
Effect van wisselkoersschommelingen 401 -798

Netto geldmiddelen en kasequivalenten aan het einde van de periode 64.652 66.175

Aandelen
kapitaal
Uitgifte
premies
Gecumu
leerde omre
keningsver
schillen
Overige
reserves
Ingehouden
resultaat
Toerekenbaar
aan aandeel
houders van
de moeder
maatschappij
Minderheids
belangen
Totaal
Balans per 1 januari 2017 151.991 157.661 -185 -13.317 -186.334 109.816 43 109.859
Winst van het jaar 2017 0 0 0 0 22.788 22.788 -173 22.615
Wisselkoersverschillen als gevolg van
heromrekening van buitenlandse dochter
vennootschap en herwaarderingsreserve
0 0 -150 0 0 -150 0 -150
Kapitaalverhoging 0 0 0 0 0 0 857 857
Op aandelen gebaseerde betaling 0 0 0 176 0 176 0 176
Balans per 31 december 2017 151.991 157.661 -335 -13.141 -163.546 132.630 727 133.357
Balans per 1 januari 2018 151.991 157.661 -335 -13.141 -163.546 132.630 727 133.357
Resultaat van het jaar 2018 0 0 0 0 -38.474 -38.474 -305 -38.779
Wisselkoersverschillen als gevolg van
heromrekening van buitenlandse dochter
vennootschap en herwaarderingsreserve
0 0 62 0 0 62 0 62
Herwaardering beleggingen 0 0 0 -14 0 -14 0 -14
Kapitaalverhoging 9.875 217 0 0 0 10.092 0 10.092
Kapitaalvermindering -24.302 -157.865 0 0 182.167 0 0 0
Op aandelen gebaseerde betaling 0 0 0 592 0 592 0 592
Balans per 31 december 2018 137.564 13 -273 -12.563 -19.853 104.888 422 105.310

5.4. Geconsolideerd overzicht van de wijzigingen van het eigen vermogen

5.5. Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening

5.5.1. Verslaggevende entiteit

Oxurion NV, een naamloze vennootschap naar Belgisch recht, met maatschappelijke zetel te Gaston Geenslaan 1, B-3001 Leuven, haar Iers filiaal en haar dochterondernemingen ThromboGenics, Inc. en Oncurious NV, zijn een biofarmaceutische Groep die zich toelegt op de ontwikkeling van innovatieve geneesmiddelen voor de behandeling van oogaandoeningen en kanker. De Oxurion NV Groep (de "Groep") heeft een pijplijn uitgebouwd van kandidaat-geneesmiddelen, waarvan er een aantal zich in het stadium van klinische studies bevinden. De onderzoeks- en ontwikkelingsfaciliteiten van de Groep bevinden zich in België.

De geconsolideerde jaarrekening van Oxurion NV, afgesloten op 31 december 2018, omvat Oxurion NV en haar dochterondernemingen ThromboGenics, Inc. en Oncurious NV, die samen Oxurion NV Groep vormen.

Deze geconsolideerde jaarrekening werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 7 maart 2019. Eventuele wijzigingen aan dit financieel verslag kunnen doorgevoerd worden tot aan de Algemene Vergadering van 7 mei 2019.

5.5.2. Toepassing van nieuwe en herziene standaarden en interpretaties

Nieuwe en herziene standaarden en interpretaties toegepast door de Groep

De Groep heeft gedurende het huidige boekjaar alle nieuwe en herziene standaarden en interpretaties toegepast die zijn uitgevaardigd door het International Accounting Standards Board (IASB) en het International Financial Reporting Interpretations Committee (IFRIC) van de IASB, en die zijn goedgekeurd door de Europese Unie en van kracht zijn voor het boekjaar dat startte op 1 januari 2018. De Groep heeft geen nieuwe IFRS-richtlijnen toegepast die nog niet van kracht waren op 31 december 2018.

De volgende nieuwe en herziene standaarden en interpretaties, uitgevaardigd door het IASB en het IFRIC en goedgekeurd door de Europese Unie, zijn van kracht voor het huidige boekjaar:

  • IFRS 9 Financiële instrumenten;
  • FRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten.

Voor meer details over de impact op de jaarrekening van de vennootschap als gevolg van de eerste toepassing van deze nieuwe standaarden, wordt verwezen naar de toelichtingen 5.5.3.G en 5.5.3.P.

Standaarden en interpretaties, uitgevaardigd maar nog niet van kracht voor het huidige boekjaar

De voor de vennootschap relevante standaarden die zijn gepubliceerd, maar tot de dag van bekendmaking van de jaarrekening van de vennootschap nog niet van kracht zijn, worden hieronder toegelicht. De vennootschap gaat ervan uit dat deze lijst van gepubliceerde standaarden en interpretaties mogelijk een impact zullen hebben op de jaarrekening van de vennootschap zodra ze op een toekomstig tijdstip worden toegepast. De vennootschap is van plan de volgende standaarden toe te passen zodra deze van kracht worden:

• IFRS 16: Lease-overeenkomsten - we verwijzen naar de opmerkingen in punt 5.5.3.L.

5.5.3. Gehanteerde grondslagen bij het opstellen van de jaarrekening

De voornaamste grondslagen bij het opstellen van deze geconsolideerde jaarrekening worden hieronder uiteengezet.

A) OVEREENSTEMMINGSVERKLARING

Deze geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals uitgevaardigd door de International Accounting Standards Board (IASB) en aangenomen door de Europese Unie (hierna "IFRS" genoemd). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in duizenden euro.

(B) WAARDERINGSBASIS

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van historische kosten, met uitzondering van de volgende van materieel belang zijnde balansposten:

  • financiële instrumenten tegen reële waarde die onder de niet-gerealiseerde resultaten vallen, worden gewaardeerd tegen reële waarde;
  • bij de uitgaven geboekt voor vergoedingsregelingen die via eigen-vermogensinstrumenten worden afgewikkeld en op aandelen zijn gebaseerd, wordt uitgegaan van de reële waarde van de toegekende warrants op de datum van toekenning;

• toegezegd-pensioenregelingen, waarbij de activa worden gewaardeerd tegen reële waarde en de verplichtingen die voortvloeien uit de toegezegd-pensioenregelingen worden gewaardeerd volgens de 'projected unit credit'-methode.

(C) CONTINUÏTEIT

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld bij lopende bedrijfsvoering.

Op 31 december 2018 had de vennootschap een sterke positie inzake geldmiddelen en kasequivalenten (inclusief beleggingen) van 85,1 miljoen euro, tegenover 115,7 miljoen euro (inclusief beleggingen en niet-beschikbare banktegoeden) op 31 december 2017. Daarnaast heeft de vennootschap op 31 december 2018 met 105,0 miljoen euro nog steeds een sterke eigenvermogenspositie. Per 31 december 2017 bedroeg deze 133,4 miljoen euro. Rekening houdend met de huidige beschikbare kaspositie, is de Raad van Bestuur van mening dat alle financiële verplichtingen nagekomen zullen worden en dat alle onderzoeksprogramma's voortgezet kunnen worden. Vermits de vennootschap al haar financiële verplichtingen kan nakomen, meent de Raad van Bestuur dat de vennootschap haar bedrijfsactiviteiten kan voortzetten.

(D) GRONDSLAGEN VOOR CONSOLIDATIE

Dochterondernemingen

De geconsolideerde jaarrekening omvat alle entiteiten waarover de Groep zeggenschap heeft. Er is sprake van zeggenschap wanneer Oxurion NV rechtstreeks of onrechtstreeks de mogelijkheid heeft om de betrokken activiteiten te sturen die een aanzienlijke invloed hebben op het rendement van de entiteit, blootgesteld is aan of rechten heeft op variabele rendementen en de mogelijkheid heeft om macht uit te oefenen over de entiteit om het rendement van de investeerders te beïnvloeden. De zeggenschap wordt verondersteld te bestaan wanneer Oxurion NV, rechtstreeks of onrechtstreeks, een participatie heeft van meer dan de helft van de stemrechten verbonden aan het aandelenkapitaal. Het bestaan en het effect van mogelijke stemrechten, die momenteel uitoefenbaar of converteerbaar zijn, worden overwogen bij de beoordeling of de Groep een andere entiteit controleert.

Dochterondernemingen worden volledig geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle wordt overgedragen aan de Groep. Ze worden gedeconsolideerd vanaf de datum waarop de controle ophoudt te bestaan.

Intra-groep transacties, saldi en niet-gerealiseerde winsten en verliezen op transacties tussen vennootschappen van de Groep worden geëlimineerd bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening. De niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze als de niet-gerealiseerde winsten geëlimineerd, tenzij de transactie duidt op een bijzonder waardeverminderingsverlies van de overgedragen activa. De boekhoudkundige principes van de dochterondernemingen werden waar nodig aangepast om consistent te zijn met de principes die aangenomen werden door de Groep.

(E) BEDRIJFSCOMBINATIES EN GOODWILL

Bedrijfscombinaties worden verwerkt door toepassing van de overnamemethode. De kostprijs van een overname wordt geboekt als het totaal van de betaalde prijs, gewaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum, en het bedrag van eventuele minderheidsbelangen in de overgenomen partij. Voor elke bedrijfscombinatie kiest de vennootschap ervoor om de minderheidsbelangen in de overgenomen partij te waarderen tegen reële waarde of tegen het proportionele deel van het identificeerbare netto-actief van de overgenomen partij. Overnamegerelateerde kosten worden geboekt als kosten zodra ze worden gemaakt. De kostprijs wordt toegerekend aan de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de overgenomen partij. Deze identificeerbare verworven activa en (voorwaardelijke) verplichtingen worden aanvankelijk gewaardeerd tegen hun reële waarde op datum van de overname.

Goodwill wordt aanvankelijk gewaardeerd tegen kostprijs (zijnde het bedrag waarmee het totaal van de betaalde prijs en het geboekte bedrag voor minderheidsbelangen wordt overschreden) en elk eerder aangehouden belang in de verworven, identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen. Indien de reële waarde van de verworven netto-activa hoger is dan de totale betaalde prijs, zal de vennootschap opnieuw beoordelen of zij alle verworven activa en alle aangegane verplichtingen correct heeft geïdentificeerd en herbekijkt ze de methoden die werden aangewend voor de waardering van de bedragen op de overnamedatum. Indien de herwaardering nog steeds leidt tot een overschrijding van de reële waarde van de verworven netto-activa ten opzichte van de totale betaalde prijs, wordt de baat geboekt op de winst- en verliesrekening.

(F) OMREKENING VAN VREEMDE VALUTA

Functionele valuta en presentatievaluta

De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in duizenden euro, de functionele valuta van Oxurion NV. Alle vennootschappen binnen de Groep hanteren de euro als functionele valuta, behalve de Amerikaanse dochteronderneming die de Amerikaanse dollar gebruikt als functionele valuta..

Transacties en balansen in vreemde valuta

Transacties uitgedrukt in andere munten dan de functionele munt, worden opgenomen tegen de wisselkoersen die van kracht zijn op de transactiedatum. Op elke balansdatum worden de monetaire activa en passiva, uitgedrukt in vreemde valuta, omgerekend naar de functionele valuta tegen de wisselkoersen die van kracht zijn op de balansdatum. De valutakoersverschillen met betrekking tot de monetaire posten omvatten het verschil tussen de geamortiseerde kosten in de functionele valuta aan het begin van de periode, gecorrigeerd voor de effectieve rente(betalingen) gedurende de periode, en de geamortiseerde kosten van tegen de wisselkoers aan het einde van de periode omgerekende vreemde valuta. Niet-monetaire activa en verplichtingen die door de entiteiten van de vennootschap tegen historische kostprijs in een vreemde valuta worden gewaardeerd, worden omgerekend tegen de wisselkoers op de datum van de eerste transacties. Niet-monetaire activa en verplichtingen die worden opgenomen tegen reële waarde, uitgedrukt in vreemde valuta, worden omgerekend tegen de wisselkoersen die van kracht waren op het ogenblik dat de reële waarde werd bepaald. Winsten en verliezen die het gevolg zijn van de omrekening worden opgenomen in de winsten verliesrekening voor de periode, uitgezonderd wisselkoersverschillen die voortvloeien uit niet-monetaire activa en verplichtingen tegen reële waarde, waarbij de schommelingen in reële waarde rechtstreeks worden opgenomen in het eigen vermogen.

Buitenlandse activiteiten

Bij de consolidatie worden de activa en passiva met inbegrip van goodwill en bij consolidatie ontstane reële-waardecorrecties van de buitenlandse activiteiten van de Groep omgerekend tegen de wisselkoersen die van kracht zijn op de balansdatum. Baten en lasten worden omgerekend tegen de gemiddelde wisselkoers voor de periode. Wanneer er wisselkoersverschillen zijn, worden deze geclassificeerd als eigen vermogen en overgedragen naar de omrekeningsreserve van de Groep. Deze omrekeningsverschillen worden opgenomen in baten of lasten in de periode waarin de activiteit wordt afgesloten.

(G) OPNAME VAN OPBRENGSTEN

IFRS 15 - eerste toepassing

IFRS 15 werd gepubliceerd in mei 2014 en gewijzigd in april 2016 en vervangt IAS 18 ("Opbrengsten en gerelateerde interpretaties") en is, met beperkte uitzonderingen, van toepassing op alle opbrengsten die voortvloeien uit contracten met klanten. IFRS 15 voorziet in een vijfstappenmodel voor de verwerking van opbrengsten die voortvloeien uit contracten met klanten en vereist dat opbrengsten worden geboekt tegen een bedrag dat de vergoeding weerspiegelt waarop een entiteit recht denkt te zullen hebben in ruil voor de overdracht van goederen of diensten aan een klant. IFRS 15 vereist dat rechtspersonen oordeelkundig te werk gaan en bij de toepassing van elke stap van het model op contracten met hun klanten rekening houden met alle relevante feiten en omstandigheden. De norm specificeert ook de boekhoudkundige verwerking van de incrementele kosten verbonden aan de verkrijging van een contract en de kosten die rechtstreeks verband houden met de uitvoering ervan. Daarnaast vereist de norm uitgebreide toelichtingen.

De nieuwe opbrengstennorm vervangt alle huidige vereisten aan de opname van opbrengsten onder IFRS. Een volledige toepassing met terugwerkende kracht of een gewijzigde toepassing met terugwerkende kracht is vereist voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2018. Een vroegtijdige invoering was toegestaan. De vennootschap voerde de nieuwe norm in op 1 januari 2018 met gebruikmaking van de gewijzigde retrospectieve overgangsbenadering, wat betekent dat met ingang van 1 januari 2018 voor ingehouden winsten rekening wordt gehouden met cumulatieve effecten (indien van toepassing) en dat vergelijkende cijfers niet worden aangepast. De norm werd alleen toegepast op contracten die op de datum van de initiële toepassing nog niet waren uitgevoerd.

Oxurion heeft de implementatie van IFRS 15 afgerond en voerde de nieuwe norm in op de vereiste ingangsdatum, namelijk 1 januari 2018. In 2017 voerde de vennootschap een gedetailleerde effectbeoordeling uit van de toepassing van IFRS 15. De vennootschap kon in het algemeen geen significante impact vaststellen voor ingehouden winsten per 1 januari 2018. Naar aanleiding van de uitgevoerde beoordeling is de vennootschap tot de conclusie gekomen dat, met uitzondering van de vereiste om in de geconsolideerde jaarrekening aanvullende toelichtingen en boekhoudkundige principes conform IFRS 15 op te nemen, de impact van de toepassing van IFRS 15 niet significant is.

OPNAME VAN OPBRENGSTEN – ACTUALISERING VAN HET BOEKHOUDBELEID CONFORM IFRS 15

De opgenomen opbrengsten van Oxurion hebben betrekking op de verkoop van JETREA®-flacons aan distributeurs, royalty's betaald door licentiehouders voor de verkoop van JETREA®-flacons, occasionele voorschot- en mijlpaalbetalingen die zijn overeengekomen in licentie- of samenwerkingscontracten (zoals voor de doorberekening van gemaakte servicekosten) en royalty's.

JETREA®-VERKOPEN

Prestatieverplichtingen

Oxurion stelde vast dat de contracten met zijn klanten voor de verkoop van JETREA®-producten slechts één prestatieverplichting omvatten, namelijk de levering van goederen aan de klanten.

Tijdschema voor de opname van opbrengsten

Conform IAS 18 boekte Oxurion opbrengsten bij de levering van de goederen aan de klanten, wat in overeenstemming is met het huidige boekingspatroon conform IFRS 15, aangezien de klant pas controle krijgt over de goederen wanneer deze worden geleverd.

Transactieprijs – variabele vergoeding

De variabele vergoeding wordt geschat bij het aangaan van het contract en is beperkt tot het zeer waarschijnlijk is dat een significante ommekeer in de gecumuleerde opbrengsten niet zal plaatsvinden wanneer de daarmee samenhangende onzekerheid over de variabele vergoeding vervolgens wordt opgelost. De verkoopprijzen zijn vastgelegd in het contract. Sommige contracten geven klanten echter recht op teruggave en kortingen.

Oxurion accepteert terugzendingen in een beperkt aantal gevallen. Deze moeten evenwel door Oxurion worden goedgekeurd vooraleer ze door de distributeurs kunnen worden verwerkt. De opgenomen opbrengsten zijn het bedrag dat aan de vervulde prestatieverplichting wordt toegerekend, rekening houdend met een variabele vergoeding (inclusief verwachte terugzendingen). Het geschatte bedrag van de variabele vergoeding wordt alleen opgenomen in de transactieprijs voor zover het zeer waarschijnlijk is dat er geen significante ommekeer zal plaatsvinden in de gecumuleerde opbrengsten, en wordt geschat op basis van historische ervaring en de specifieke voorwaarden van de individuele overeenkomsten. Er wordt een verplichting geboekt voor verwachte terugzendingen, kortingen, handelskortingen en kortingen voor contant, terugstortingen of andere terugbetalingen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan klanten worden gedaan met betrekking tot verkopen tot het einde van de verslagperiode. Oxurion past de methode van de verwachte waarde toe om de voorziening voor terugzendingen en de bijhorende activa te waarderen.

Oxurion biedt zijn klanten geen garanties, klantenbindingsprogramma's of belangrijke financieringen. Oxurion ontving geen niet-contante vergoedingen. Aan de verwerving van klantencontracten zijn geen kosten verbonden en evenmin zijn er kosten verbonden aan de uitvoering van de klantencontracten. Contractsaldi worden daarom alleen geboekt ten belope van de vorderingen en de verplichting tot terugbetaling (voorziening voor terugzendingen).

ROYALTY-INKOMSTEN UIT JETREA®-VERKOPEN

In het geval van één distributeur worden royalty's gegenereerd in het kader van licentieovereenkomsten op basis van de verkoop van JETREA®-producten door de licentiehouder aan de eindklanten. Zoals hierboven uiteengezet worden de opbrengsten uit de verkoop van goederen geboekt op het tijdstip van levering aan de distributeur. De overeenkomst bepaalt echter dat de royalty's worden verworven zodra de distributeur het product vervolgens aan de eindklant verkoopt. Daarom worden de opbrengsten uit royalty's geboekt zodra het product aan de eindklant is verkocht, op basis van kwartaalfacturatiegegevens. Er is geen specifieke prestatieverplichting waaraan Oxurion moet voldoen om recht te hebben op deze royalty's.

INCIDENTELE VOORAFBETALINGEN, MIJLPAALBETALINGEN EN ANDERE BETALINGEN

Opbrengsten worden alleen geboekt voor een bedrag dat de vergoeding weergeeft waarop de Groep verwacht recht te hebben in ruil voor het nakomen van de prestatieverplichting. Aan een prestatieverplichting is voldaan wanneer de zeggenschap over de goederen of diensten is overgedragen aan een klant. Eventuele vooruitbetalingen of licentievergoedingen waarvoor vervolgens prestatieverplichtingen ontstaan, worden eerst als latente opbrengsten geboekt. Ze worden geboekt als opbrengsten zodra aan de prestatieverplichtingen wordt voldaan gedurende de periode van de verplichting tot samenwerking in het kader van ontwikkeling of productie.

(H) ONDERZOEKSSUBSIDIES

Voor bepaalde specifieke onderzoeksprojecten worden de onderzoekskosten gedeeltelijk terugbetaald door het Vlaams Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO), voorheen bekend als het Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie (IWT). Conform de norm IAS 20 ("Overheidssubsidies") worden deze subsidies geboekt als inkomsten uit overheidssubsidies voor de termijn van het project waarvoor de subsidie werd toegekend wanneer er een redelijke zekerheid bestaat dat de Groep de hieraan verbonden voorwaarden zal naleven en dat de subsidies zullen worden verkregen. Subsidies die de vennootschap vergoeden voor de opgelopen kosten worden afgetrokken van de onderzoeks- en ontwikkelingskosten en dit systematisch in dezelfde periode waarin de kosten werden opgelopen.

Oxurion heeft meer dan tien jaar ervaring met dit soort projecten, waarvoor het subsidies ontvangt van het VLAIO. Er worden subsidies verleend aan Oxurion ter ondersteuning van bepaalde activiteiten op het gebied van O&O. De activiteiten, het bijbehorende budget en de aard van de kosten waarvoor subsidies worden verleend, zijn vastgelegd in de subsidieovereenkomst. In de loop van het project brengt Oxurion, om subsidievoorschotten te ontvangen, regelmatig (elk kwartaal) aan het VLAIO verslag uit over de stand van zaken met betrekking tot de activiteiten en de gedane uitgaven. De eindbeoordeling wordt door het VLAIO uitgevoerd aan het einde van het project om het uiteindelijke subsidiebedrag te bepalen. Projecten kunnen gemiddeld twee tot vijf jaar in beslag nemen.

Oxurion heeft er vertrouwen in dat de uitgevoerde activiteiten in de loop van het project niet afwijken van het overeengekomen toepassingsgebied en dat het uiteindelijke subsidiebedrag niet zal afwijken van het oorspronkelijk overeengekomen bedrag (behalve in een beperkt aantal gevallen waarin Oxurion het project eerder had afgerond en niet het hele budget had uitgegeven maar de subsidie niettemin ontving op basis van de werkelijke uitgaven). Oxurion is er in het algemeen van overtuigd dat de redelijke zekerheid zoals gedefinieerd in de norm in de loop van het project wordt bereikt voor de bedragen die tot dat moment zijn uitgegeven, aangezien de enige voorwaarde die aan de subsidie is verbonden, de uitvoering is van O&O-activiteiten in overeenstemming met het overeengekomen toepassingsgebied en in overeenstemming met het vastgestelde budget. Aan de subsidies zijn geen andere voorwaarden verbonden en het resultaat van de O&O-activiteiten heeft geen invloed op de beslissing van het VLAIO of de definitieve subsidie al dan niet wordt toegekend.

(I) SAMENWERKINGSOVEREENKOMSTEN INZAKE ONDERZOEK EN ONTWIKKELING

De Groep heeft bepaalde samenwerkingsovereenkomsten afgesloten waarbij de partijen zijn overeengekomen samen te werken rond het onderzoek en de ontwikkeling van mogelijke therapeutische producten. Onder deze overeenkomsten zijn de partijen overeengekomen over wie zal instaan voor welke elementen van de onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten. Deze overeenkomsten bevatten geen enkele clausule met betrekking tot de oprichting van een afzonderlijke entiteit om deze activiteiten uit te voeren of de creatie van afzonderlijke en welbepaalde activa en passiva. De partijen zijn overeengekomen dat de gezamenlijke kostprijs van alle relevante activiteiten gedragen zullen worden door de partijen volgens een welbepaalde verhouding en dat de netto-opbrengsten uit de verkoop van alle hieruit resulterende producten gedeeld zullen worden volgens een welbepaalde verhouding. Het delen van de kosten zal resulteren in compenserende betalingen tussen de partijen en deze debiteuren- of crediteurenbetalingen zullen respectievelijk opgeteld worden bij of afgetrokken worden van de onderzoeks- en ontwikkelingskosten in de resultatenrekening. Alle terug te vorderen of te betalen bedragen aan het einde van de periode worden opgenomen in de balans onder handels- en overige vorderingen of overige kortlopende verplichtingen. Hoewel deze overeenkomsten de oprichting van een gezamenlijk comité omvatten dat toezicht houdt op de gezamenlijke activiteiten, vallen deze overeenkomsten buiten het toepassingsgebied van IFRS 11 ("Gezamenlijke overeenkomsten"), aangezien de vennootschap concludeerde dat er geen gezamenlijke zeggenschap is. Zie de informatie over de belangrijkste regelingen in toelichting 5.8 voor meer details over de voorwaarden en de boekhoudkundige behandeling.

(J) IMMATERIËLE ACTIVA

Intern ontwikkelde immateriële activa

Onderzoekskosten worden opgenomen in de resultatenrekening naarmate ze worden opgelopen.

Een intern ontwikkeld immaterieel actief (zie toelichting 5.7.2) dat voortvloeit uit ontwikkelingsactiviteiten vanwege de Groep, wordt enkel opgenomen als alle volgende voorwaarden zijn vervuld:

  • Technische mogelijkheid om het immateriële actief gebruiksklaar te maken;
  • Intentie tot vervollediging van het immateriële actief en gebruik of verkoop ervan;
  • Mogelijkheid tot gebruik of verkoop van het immateriële actief;
  • Het immateriële actief zal waarschijnlijk toekomstige economische voordelen genereren, of het bestaan van een markt aantonen;
  • Beschikbaarheid van adequate technische, voldoende financiële middelen om de ontwikkeling te beëindigen;
  • Beschikbaarheid van betrouwbare vastlegging van de toegewezen uitgaven voor dit immaterieel actief tijdens de ontwikkeling.

De octrooikosten voor het beschermen van de immateriële activa worden opgenomen als kost.

Wanneer er niet aan de criteria wordt voldaan om de ontwikkelingskosten te kunnen activeren, zullen deze kosten worden opgenomen tijdens de periode naarmate ze worden opgelopen.

Oxurion heeft sinds 2008 de kosten van de klinische Fase 3-studie van ocriplasmine en van de verdere ontwikkeling geactiveerd. Oxurion was toen – overeenkomstig de criteria van IAS 38 – van oordeel dat een toekomstige commercialisering zeer waarschijnlijk kon worden geacht. De immateriële activa bestaan uit externe studie- en productiekosten in onderaanneming, interne ontwikkelingskosten die betrekking hebben op alle projecten in Fase 3 en overige ontwikkelingskosten.

Na hun initiële opname op de balans worden de immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. De afschrijving van geactiveerde ontwikkelingskosten wordt geboekt in de resultatenrekening onder onderzoeks- en ontwikkelingskosten.

De geactiveerde kosten worden afgeschreven over de levensduur van het octrooi vanaf het ogenblik dat er inkomsten worden gegenereerd. Dit resulteert in de volgende gebruiksduur voor de verschillende categorieën van immateriële activa:

  • Intern gegenereerde Microplasmine Fase 3: 11,8 jaar;
  • Licentie NuVue: 11,8 jaar;
  • Licentie Grifols: 11,8 jaar.

Softwarelicenties worden afgeschreven over 3 jaar.

Extern verworven immateriële activa en kosten van uitbestede O&O.

Betalingen aan derden voor uitbestede O&O, waarbij geen sprake is van overdracht van intellectuele eigendom aan Oxurion, worden als interne O&O-uitgaven geboekt in de periode waarin ze zijn gemaakt. Dergelijke betalingen worden alleen geactiveerd als ze voldoen aan de criteria voor boeking onder een intern gegenereerd immaterieel actiefbestanddeel, zoals hierboven aangegeven.

Oxurion sloot verschillende contracten af voor de verwerving van licenties op intellectuele eigendom of knowhow van derden, zoals uiteengezet in toelichting 5.8 onder de rubriek die uitleg geeft over de belangrijkste overeenkomsten. Deze activa worden vaak verworven tegen een vergoeding die vooruitbetalingen, mijlpaalbetalingen en royalty's omvat.

Vooruitbetalingen aan derden voor het in licentie geven of verwerven van intellectuele eigendomsrechten, octrooien, verbindingen, producten en knowhowtechnologieën voor gebruik in O&O-activiteiten, worden geactiveerd als kosten betaald voor een afzonderlijk verworven immaterieel actiefbestanddeel volgens IAS 38. De betrokken mijlpaalbetalingen kunnen maar worden geactiveerd als ze voldoen aan de criteria om onder een intern gegenereerd immaterieel actiefbestanddeel te worden geboekt.

De betaalde/te betalen royalty's voor verworven intellectuele eigendom worden in overeenstemming met de onderliggende verkopen toegerekend en geboekt onder de kostprijs van de verkopen.

(K) MATERIËLE VASTE ACTIVA

Materiële vaste activa worden opgenomen tegen historische kostprijs (alleen materiaalkosten), verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Latere kosten worden opgenomen in de boekwaarde van het actief of geboekt als een afzonderlijk actief, maar alleen wanneer het waarschijnlijk is dat toekomstige economische voordelen verbonden aan het actief naar de Groep zullen vloeien en wanneer de kostprijs van het actief op betrouwbare wijze kan worden bepaald. Alle overige herstellings- en onderhoudskosten worden opgenomen in de resultatenrekening op het ogenblik dat ze gemaakt worden. De kostprijs van buiten gebruik gestelde (naar aanleiding van een verkoop) of op een andere wijze afgestoten activa en de hieraan verbonden gecumuleerde afschrijving, wordt opgenomen in de resultatenrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij verkoop in het jaar waarin de verkoop plaatsvond. Winsten en verliezen op de verkoop van materiële vaste activa worden opgenomen in overige baten of lasten.

Afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode om de kostprijs van materiële vaste activa, in de mate dat deze de restwaarde overtreft, toe te wijzen over de verwachte gebruiksduur:

  • Materiële vaste activa: 3 tot 5 jaar
  • Meubilair en rollend materiaal: 3 tot 5 jaar

De afschrijvingsmethoden, gebruiksduur en restwaarde worden op elke rapporteringsdatum opnieuw geëvalueerd.

Kosten na eerste opname

De kostprijs van de vervanging van een deel van een materieel vast actief wordt in de boekwaarde van dat actief opgenomen indien het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen verbonden aan het actief naar de Groep zullen vloeien en wanneer de kostprijs van het actief op betrouwbare wijze kan worden bepaald. De boekwaarde van het vervangen onderdeel wordt niet langer in de balans opgenomen. De kosten van het dagelijkse onderhoud van materiële vaste activa worden opgenomen in de winst- en verliesrekening op het ogenblik dat ze worden gemaakt.

(L) GELEASEDE ACTIVA

Leaseovereenkomsten worden geclassificeerd als financiële leases indien volgens de voorwaarden van de leaseovereenkomst substantieel alle risico's en rechten eigen aan het eigendom worden overgedragen aan de leasingnemer. Bij de eerste opname wordt het geleasede actief gewaardeerd op de laagste van de reële waarde en de contante waarde van de minimale leasebetalingen. Na de eerste opname gebeurt de verwerking in overeenstemming met de van toepassing zijnde grondslag.

Alle andere leaseovereenkomsten worden beschouwd als operationele leases en huurgelden die in het kader van operationele leasing worden betaald, worden lineair geboekt op de resultatenrekening gedurende de betrokken leasingperiode.

Met ingang van 1 januari 2019 zal de vennootschap IFRS 16 toepassen, wat ertoe zal leiden dat bijna alle leaseovereenkomsten in de balans worden opgenomen, aangezien IFRS 16 niet langer een onderscheid maakt tussen operationele en financiële leasing. Onder de nieuwe norm worden een actiefbestanddeel (het recht om het geleasede goed te gebruiken) evenals een huurgeldschuld (aan passiefzijde) geboekt. De enige uitzonderingen hierop zijn kortlopende huurcontracten en huurcontracten met een beperkte waarde.

De boekhoudkundige behandeling voor verhuurders zal niet significant veranderen.

De vennootschap heeft de implementatie van IFRS 16 afgerond. Dit zal voornamelijk gevolgen hebben voor de boekhoudkundige behandeling van operationele leaseovereenkomsten door de vennootschap. Bij de overgang naar IFRS 16 zal de vennootschap IFRS 16 toepassen op basis van de cumulatieve inhaalbenadering en zal zij ervoor kiezen om gebruik te maken van de vrijstellingen die worden voorgesteld door de norm voor leasingcontracten waarvan de leasingtermijnen binnen 12 maanden na de datum van inwerkingtreding aflopen, en voor leasingcontracten waarvan de onderliggende activa van geringe waarde zijn.

Samenvattend kan worden gesteld dat de invoering van IFRS 16 naar verwachting het volgende zal betekenen

• Impact op de balans per 1 januari 2019:

IN '000 EURO TOENAME/(AFNAME)
1 JANUARI 2019
Activa
Terreinen en gebouwen (activa op basis van
gebruiksrechten)
263
Materiële vaste activa (activa op basis van
gebruiksrechten)
175
Passiva
Leasingverplichtingen 438
Eigen vermogen
Netto-impact op ingehouden resultaat 0

• Impact op de winst- en verliesrekening over 2019:

IN '000 EURO TOENAME/(AFNAME)
1 JANUARI 2019
Waardeverminderingen 202
Kosten van operationele leasing (204)
BEDRIJFSRESULTAAT 2
Financiële kosten 9
Inkomstenbelastingen 0
Resultaat van het jaar (7)

(M) BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN OP GOODWILL, IMMATERIËLE ACTIVA EN MATERIËLE VASTE ACTIVA

Immateriële activa die een onbepaalde gebruiksduur hebben of die nog niet voor gebruik beschikbaar zijn en goodwill worden niet afgeschreven maar worden jaarlijks onderworpen aan een beoordeling om te bepalen of er sprake is van een waardevermindering of dat er tekenen zijn die hierop wijzen.

Activa die afgeschreven worden, worden geëvalueerd op bijzondere waardevermindering wanneer gebeurtenissen of wijzigingen in de omgeving erop wijzen dat de boekwaarde niet kan worden gerecupereerd.

Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt opgenomen voor het bedrag waarmee de boekwaarde van het actief de realiseerbare waarde ervan overschrijdt. De realiseerbare waarde is het hoogste van de reële waarde van het actief min de verkoopkosten enerzijds, en de bedrijfswaarde anderzijds. Deze waarden worden in het algemeen bepaald op basis van berekeningen van de contante waarde van de kasstromen. Om de bijzondere waardevermindering te kunnen beoordelen, worden de activa gegroepeerd op de laagste niveaus waarvoor er afzonderlijk identificeerbare kasstromen bestaan (kasstroomgenererende eenheden). In de eerste plaats wordt het bijzonder waardeverminderingsverlies toegewezen om de boekwaarde van de goodwill die verband houdt met de kasstroomgenererende eenheid te verminderen. Vervolgens zal het resterende bedrag van het waardeverminderingsverlies pro rata worden toegewezen aan de andere activa waarvoor geen realiseerbare waarde meer kon worden berekend. Een bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen voor goodwill, wordt niet tegengeboekt in de volgende periode. Wanneer een bijzonder waardeverminderingsverlies later wordt tegengeboekt, wordt voor andere activa dan goodwill de boekwaarde van het actief (kasstroomgenererende eenheid) verhoogd tot de herziene schatting van de realiseerbare waarde ervan, maar wel zodanig dat de verhoogde boekwaarde niet hoger is dan de boekwaarde die zou zijn bepaald wanneer tijdens de voorgaande jaren geen bijzonder waardeverminderingsverlies voor het actief (kasstroomgenererende eenheid) was opgenomen. Een tegenboeking van het bijzonder waardeverminderingsverlies wordt rechtstreeks in de resultatenrekening opgenomen.

(N) BELASTINGEN

De kosten inzake belastingen in de winst- en verliesrekening omvatten de verschuldigde belasting.

De verschuldigde belasting is de naar verwachting te betalen belasting over de belastbare winst. De belastbare winst verschilt van de nettowinst zoals deze wordt weergegeven in de resultatenrekening, aangezien deze bepaalde baten- of lastenposten uitsluit die belastbaar of aftrekbaar zijn in andere jaren en bovendien posten uitsluit die nooit belastbaar of aftrekbaar zijn. De belastingverplichtingen van de Groep worden berekend op basis van de belastingtarieven die vastgesteld werden of substantieel vastgesteld werden op de balansdatum.

Uitgestelde belasting is de belasting waarvan verwacht wordt dat deze betaalbaar of invorderbaar is op verschillen tussen de boekwaarde van de activa en passiva in de jaarrekening en de overeenkomstige fiscale basis die gebruikt wordt bij de berekening van de belastbare winst, en wordt geboekt aan de hand van de zgn. balansmethode.

Uitgestelde belastingverplichtingen worden over het algemeen opgenomen voor alle belastbare tijdelijke verschillen. Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen in de mate dat het te verwachten valt dat er belastbare winst beschikbaar zal zijn waartegen de aftrekbare tijdelijke verschillen kunnen worden aangewend. Dergelijke activa en passiva worden niet opgenomen wanneer de tijdelijke verschillen voortvloeien uit goodwill (of negatieve goodwill) of uit de initiële opname van activa en passiva in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en die geen invloed heeft op de belastbare winst noch op de boekhoudkundige winst.

Uitgestelde belastingverplichtingen worden opgenomen voor belastbare tijdelijke verschillen die voortvloeien uit investeringen in dochterondernemingen en verbonden ondernemingen, en belangen in joint ventures, behalve wanneer de Groep in staat is de ommekeer van het tijdelijke verschil te controleren en het waarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil in de nabije toekomst niet zal worden afgewikkeld.

De boekwaarde van de uitgestelde belastingvorderingen wordt herzien op iedere balansdatum en verminderd in die mate dat het niet langer te verwachten valt dat voldoende belastbare winsten beschikbaar zullen zijn om het geheel of een deel van het actief te kunnen recupereren.

Uitgestelde belasting wordt berekend tegen de belastingtarieven die verwacht worden van toepassing te zijn in de periode wanneer de verplichting geregeld wordt of het actief gerealiseerd wordt. Uitgestelde belasting wordt gedebiteerd of gecrediteerd in de winst- en verliesrekening, behalve wanneer ze betrekking heeft op posten die rechtstreeks gedebiteerd of gecrediteerd worden in niet-gerealiseerd resultaat. In dat geval wordt de uitgestelde belasting eveneens opgenomen in niet-gerealiseerd resultaat.

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd wanneer ze betrekking hebben op belasting die geheven wordt door dezelfde belastingoverheid en de Groep van plan is om haar belastingvorderingen en -verplichtingen op een nettobasis te regelen.

(O) PERSONEELSBELONINGEN

Personeelsvergoedingen op korte termijn

Verplichtingen betreffende lonen en salarissen die naar verwachting volledig zullen worden afgewikkeld binnen de twaalf maanden na afloop van de periode waarin de werknemers de gerelateerde diensten verleenden, worden geboekt voor de diensten van werknemers tot het einde van de verslagperiode en worden gewaardeerd tegen de bedragen die naar verwachting zullen worden betaald bij de afwikkeling van de verplichtingen. Deze verplichtingen worden op de balans gepresenteerd als kortlopende personeelsverplichtingen.

Pensioenuitkeringen

Met ingang van 1 juli 2009 heeft de Groep haar bestaande pensioenregeling omgezet van een toegezegd-pensioenregeling in een nieuwe regeling die qua structuur een toegezegde-bijdrageregeling is. De tot en met 30 juni 2009 opgebouwde rechten blijven evenwel behouden. De Groep combineert om deze reden twee pensioenplannen, te weten (i) de oorspronkelijke toegezegd-pensioenregeling en (ii) een pensioenregeling die qua structuur een toegezegde-bijdrageregeling is.

Voor beide regelingen worden de activa aangehouden in afzonderlijke in trust ondergebrachte fondsen.

Als gevolg van de Belgische wetgeving die van toepassing is op pensioenregelingen in de tweede pijler (het gegarandeerde minimumrendement onder de zogenaamde wet-Vandenbroucke) worden alle Belgische pensioenplannen die gestructureerd zijn als toegezegde-bijdrageregelingen onder IFRS beschouwd als feitelijke toegezegde-bijdrageregelingen en worden deze bijgevolg als zodanig geboekt.

Door dit gegarandeerde minimumrendement wordt de werkgever geconfronteerd met een financieel risico aangezien verdere bijdragen kunnen worden vereist indien het rendement op de activa niet volstaat om de minimumuitkeringen te betalen.

De verbintenissen van de Groep onder de toegezegd-pensioenregelingen, en de hieraan verbonden kosten, worden gewaardeerd volgens de 'projected unit credit'-methode, waarbij op elke balansdatum actuariële waarderingen worden uitgevoerd door een bevoegde actuaris. Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk opgenomen in de mate dat de voordelen reeds zijn toegekend. Zo niet worden deze afgeschreven op lineaire basis over de gemiddelde periode totdat de voordelen worden toegekend.

De pensioenverplichting die werd opgenomen in de balans, vertegenwoordigt de huidige waarde van de toegezegd-pensioenverplichting zoals deze werd aangepast voor niet-opgenomen actuariële winsten en verliezen en niet-opgenomen pensioenkosten van verstreken diensttijd, en zoals deze werd verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. Elk actief dat resulteert uit deze berekening is beperkt tot het nettototaal van de niet-opgenomen actuariële verliezen en pensioenkosten van verstreken diensttijd, vermeerderd met de huidige waarde van de toekomstig beschikbare terugbetalingen en verminderingen in toekomstige bijdragen aan het fonds.

Er werden geen overige vergoedingen op lange of korte termijn toegekend aan de werknemers..

Op aandelen gebaseerde vergoedingen

De Groep maakt gebruik van in eigen vermogen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde vergoedingsplannen op basis waarvan ze aandelenopties (opties die de houder het recht geven in te tekenen op een specifiek aantal aandelen overeenkomstig het aandelenoptieplan, hierna "warrants" genoemd) toekent aan werknemers, consultants en uitvoerende leden van de Raad van Bestuur. De reële waarde van de door de werknemer verleende diensten in ruil voor de toekenning van de warrants wordt over de verwervingsperiode opgenomen als een kost met een overeenkomstige stijging van het eigen vermogen.

Het totale in kosten te nemen bedrag over de verwervingsperiode wordt bepaald op basis van de reële waarde op de datum waarop de warrants werden toegekend en wordt gewaardeerd volgens het model van Black & Scholes, waarbij rekening wordt gehouden met de voorwaarden op basis waarvan de warrants werden toegekend, zonder rekening te houden met de impact van niet-marktgerelateerde verwervingsvoorwaarden. Op elke balansdatum herziet de entiteit haar ramingen van het aantal warrants dat verwacht wordt uitoefenbaar te worden, behalve wanneer de warrants niet verworven zijn. Ze neemt de impact van de herziening van de oorspronkelijke eventuele ramingen op in de resultatenrekening, en een overeenkomstige aanpassing van het eigen vermogen over de resterende verwervingsperiode. De ontvangen opbrengsten, verminderd met eventuele rechtstreeks toerekenbare transactiekosten, worden gecrediteerd op de rekening aandelenkapitaal (nominale waarde) en de rekening uitgiftepremie wanneer de warrants worden uitgeoefend.

(P) FINANCIËLE INSTRUMENTEN

Eerste toepassing van IFRS 9

In juli 2014 publiceerde de IASB de definitieve versie van IFRS 9 ("Financiële instrumenten"). Deze verving IAS 39 en alle voorgaande versies van IFRS 9. IFRS 9 brengt drie aspecten samen van de boekhoudkundige verwerking van financiële instrumenten: classificatie en waardering, bijzondere waardevermindering en boekhoudkundige risico-indekking. IFRS 9 is van kracht voor boekjaren die ingaan op of na 1 januari 2018. Een vervroegde toepassing was toegestaan. Met uitzondering van boekhoudkundige risico-indekking dient de toepassing met terugwerkende kracht te gebeuren. Daarbij is er geen verplichting om vergelijkende informatie te verstrekken. Bij boekhoudkundige risico-indekking (hedge accounting) worden de regels doorgaans met vooruitwerkende kracht toegepast, met een beperkt aantal uitzonderingen.

De vennootschap heeft de implementatie van IFRS 9 afgerond en voerde de nieuwe standaard op de vereiste ingangsdatum in. Er zal geen vergelijkende informatie worden verstrekt. In 2017 voerde de vennootschap een gedetailleerde effectbeoordeling uit van de drie aspecten van IFRS 9. De vennootschap stelde in het algemeen geen significante impact vast op haar balans en haar eigen vermogen.

(A) CLASSIFICATIE EN WAARDERING

De vennootschap stelde bij de toepassing van de classificatie- en waarderingsvereisten van IFRS 9 geen significante impact vast op haar balans of haar eigen vermogen.

Handelsvorderingen en termijndeposito's worden aangehouden om contractuele kasstromen te innen en zullen naar verwachting aanleiding geven tot kasstromen die uitsluitend betalingen van hoofdsommen en intresten betreffen. De vennootschap oordeelde bijgevolg dat deze onder IFRS 9 verder tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerd mogen worden.

(B) BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING

Het nieuwe waardeverminderingsmodel vereist dat voorzieningen voor bijzondere waardeverminderingen worden geboekt op basis van de verwachte kredietverliezen (ECL) en niet alleen op basis van de feitelijke kredietverliezen, zoals onder IAS 39 het geval is. De verwachte kredietverliezen omvatten toekomstgerichte elementen die rekening houden met alle mogelijke gevallen van wanbetaling evenals met historische verliesgegevens. Dit is van toepassing op financiële activa die tegen geamortiseerde kostprijs staan geboekt, schuldinstrumenten gewaardeerd tegen reële waarde via niet-gerealiseerde resultaten ("FVOCI"), contractactiva onder IFRS 15, leasingvorderingen, leningsverplichtingen en bepaalde financiële garantiecontracten. De vennootschap zal de vereenvoudigde benadering toepassen en voor alle handelsvorderingen en termijndeposito's de verwachte verliezen registreren over de levensduur van de activa. Uit de analyse uitgevoerd bij de overgang naar IFRS 9 bleek dat er geen aanzienlijke toename was van de te verwachten verliezen op financiële activa geboekt tegen geamortiseerde kostprijs.

(C) HEDGE ACCOUNTING

Aangezien de vennootschap geen boekhoudkundige risico-indekking toepast, zal IFRS 9 geen impact hebben op de vennootschap met betrekking tot hedge accounting.

Financiële instrumenten – eerste boeking en waardering – actualisering van het boekhoudkundig beleid

Een financieel instrument is een contract dat een financieel actiefbestanddeel doet ontstaan bij een rechtspersoon, en een financiële verplichting of eigenvermogensinstrument bij een andere rechtspersoon.

(A) FINANCIËLE ACTIVA

Eerste boeking en waardering

Financiële activa worden bij de eerste boeking geclassificeerd als gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, tegen de reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten en tegen de reële waarde via de winst- en verliesrekening.

De classificatie van financiële activa bij de eerste boeking is afhankelijk van de contractuele kasstroomkenmerken van de financiële activa en van het model dat de vennootschap hanteert voor het beheer ervan. Met uitzondering van handelsvorderingen die geen significante financieringscomponent bevatten, waardeert de vennootschap financiële activa initieel tegen de reële waarde, vermeerderd met de transactiekosten in het geval van een financieel actiefbestanddeel dat niet tegen de reële waarde in de winst- en verliesrekening is opgenomen. Handelsvorderingen die geen significante financieringscomponent bevatten, worden initieel gewaardeerd tegen de transactieprijs die bepaald werd volgens IFRS 15.

Om een financieel actiefbestanddeel te classificeren en te waarderen tegen geamortiseerde kostprijs of de reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten, moet het aanleiding geven tot kasstromen die "uitsluitend betalingen van hoofdsom en intresten" ("SPPI") zijn op de uitstaande hoofdsom. Deze beoordeling wordt de SPPI-test genoemd en wordt op instrumentniveau uitgevoerd.

Het model dat de vennootschap hanteert voor het beheer van financiële activa verwijst naar de manier waarop de vennootschap zijn financiële activa beheert om kasstromen te genereren. Het bedrijfsmodel bepaalt of de kasstromen voortvloeien uit het innen van contractuele kasstromen dan wel uit de verkoop van de financiële activa, of beide.

Waardering na de eerste boeking

Voor de waardering na de eerste boeking zijn de volgende categorieën van financiële activa relevant voor de vennootschap:

  • Financiële activa tegen geamortiseerde kostprijs (handelsvorderingen, termijndeposito's); en
  • Financiële activa tegen reële waarde geboekt onder niet-gerealiseerde resultaten (beleggingen in schuldinstrumenten (obligaties)).

Financiële activa tegen geamortiseerde kostprijs

Deze categorie is de meest relevante voor de vennootschap. De vennootschap waardeert financiële activa tegen geamortiseerde kostprijs indien aan beide onderstaande voorwaarden is voldaan:

  • Het financieel actiefbestanddeel wordt aangehouden in het kader van een bedrijfsmodel met als doel financiële activa aan te houden om contractuele kasstromen te innen; en
  • De contractuele bepalingen van het financieel actiefbestanddeel geven op bepaalde data aanleiding tot het ontstaan van kasstromen die uitsluitend bestaan uit betalingen van de hoofdsom en intresten over de uitstaande hoofdsom.

Financiële activa tegen geamortiseerde kostprijs worden vervolgens gewaardeerd volgens de effectieve intrestmethode ("EIR") en zijn onderhevig aan een bijzondere waardevermindering. Winsten en verliezen worden geboekt op de winst- en verliesrekening wanneer het actiefbestanddeel niet langer op de balans staat, gewijzigd wordt of een bijzondere waardevermindering ondergaat.

De financiële activa van de vennootschap tegen geamortiseerde kostprijs omvatten in hoofdzaak handelsvorderingen en termijndeposito's.

Financiële activa geboekt onder niet-gerealiseerde resultaten (schuldinstrumenten)

De vennootschap waardeert schuldinstrumenten tegen hun reële waarde en als niet-gerealiseerde resultaten als aan beide volgende voorwaarden is voldaan:

  • Het financieel actiefbestanddeel wordt aangehouden in het kader van een bedrijfsmodel met als doel financiële activa aan te houden om contractuele kasstromen te innen alsook de financiële activa te verkopen; en
  • De contractuele bepalingen van het financieel actiefbestanddeel geven op bepaalde data aanleiding tot het ontstaan van kasstromen die uitsluitend bestaan uit betalingen van de hoofdsom en intresten over de uitstaande hoofdsom

Voor schuldinstrumenten die tegen reële waarde als niet-gerealiseerde resultaten worden geboekt, worden intrestopbrengsten, herwaarderingen van vreemde deviezen evenals verliezen door bijzondere waardeverminderingen of terugboekingen geboekt op de winst- en verliesrekening en op dezelfde wijze berekend als voor financiële activa gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. De overige wijzigingen van de reële waarde worden geboekt onder de niet-gerealiseerde resultaten. Als deze activa niet langer op de balans verschijnen, verhuist de cumulatieve mutatie van de reële waarde, die onder de niet-gerealiseerde resultaten is opgenomen, naar de winst- en verliesrekening.

De schuldinstrumenten van de vennootschap die tegen reële waarde onder niet-gerealiseerde resultaten staan geboekt, omvatten beleggingen in beursgenoteerde schuldinstrumenten (obligaties).

Uit balans nemen

Een financieel actiefbestanddeel (of, indien van toepassing, een deel van een financieel actiefbestanddeel of een deel van een groep van vergelijkbare financiële activa) wordt met name uit de geconsolideerde balans genomen wanneer:

  • De rechten op het ontvangen van kasstromen uit het actiefbestanddeel zijn vervallen; of
  • De vennootschap haar rechten om kasstromen uit het actiefbestanddeel te ontvangen heeft overgedragen of een verplichting is aangegaan om de ontvangen kasstromen zonder wezenlijke vertraging volledig aan een derde partij uit te keren in het kader van een "doorgeefakkoord", en de vennootschap ofwel (a) nagenoeg alle risico's en opbrengstpotentieel van het actiefbestanddeel heeft overgedragen, ofwel (b) nagenoeg alle risico's en opbrengstpotentieel van het actiefbestanddeel noch heeft overgedragen, noch behouden, maar de beslissingsmacht over het actiefbestanddeel heeft overgedragen.

Bijzondere waardeverminderingen van financiële activa

De vennootschap boekt een voorziening voor verwachte kredietverliezen op alle schuldinstrumenten die niet tegen reële waarde op de winst- en verliesrekening zijn geboekt. Verwachte kredietverliezen zijn gebaseerd op het verschil tussen enerzijds de contractuele kasstromen die uit hoofde van het contract verschuldigd zijn en anderzijds alle kasstromen die de vennootschap verwacht te ontvangen, verdisconteerd tegen een rentevoet die de oorspronkelijke effectieve rentevoet benadert. De verwachte kasstromen omvatten de kasstromen uit de verkoop van zekerheden die worden aangehouden of van andere kredietverbeteringen die integraal deel uitmaken van de contractuele bepalingen.

Voor handelsvorderingen en termijndeposito's past de vennootschap bij de berekening van verwachte kredietverliezen een vereenvoudigd model toe. Bijgevolg volgt de vennootschap niet de veranderingen in het kredietrisico, maar boekt zij op elke verslagdatum in plaats daarvan een verliesvoorziening op basis van de verwachte kredietverliezen over de gehele gebruiksduur.

Bij bijzondere waardevermindering wordt de boekwaarde van de financiële activa rechtstreeks verminderd met het bijzonder waardeverminderingsverlies, met uitzondering van handelsvorderingen. Bij handelsvorderingen wordt de boekwaarde gereduceerd middels een aparte afwaarderingsrekening. Wanneer een handelsvordering wordt geacht oninbaar te zijn, wordt deze afgeschreven ten opzichte van deze afwaarderingsrekening. Daaropvolgende inningen van bedragen die eerder waren afgeschreven, worden gecrediteerd ten opzichte van deze afwaarderingsrekening. Wijzigingen in de boekwaarde van de afwaarderingsrekening worden opgenomen in de resultatenrekening.

Geldmiddelen en kasequivalenten

Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten direct opvraagbare deposito's en andere zeer liquide beleggingen op korte termijn (met een looptijd van minder dan drie maanden) die snel omgezet kunnen worden in een bekend bedrag aan contanten en waarvoor een gering risico op waardeschommelingen bestaat.

(B) FINANCIËLE VERPLICHTINGEN

Onderscheid tussen financiële verplichtingen en eigen vermogen

Financiële verplichtingen en eigen-vermogeninstrumenten die worden uitgegeven door de Groep worden geclassificeerd op basis van de inhoud van de contractuele overeenkomsten die werden afgesloten en op basis van de definities van een financiële verplichting en een eigen-vermogensinstrument. Een eigen-vermogensinstrument is elk contract dat duidt op een resterend belang in de activa van de Groep na aftrek van alle verplichtingen. De boekhoudkundige principes die zijn aangenomen voor specifieke financiële verplichtingen en eigen-vermogensinstrumenten worden hieronder beschreven.

Eerste boeking en waardering

Financiële verplichtingen worden bij de eerste boeking geclassificeerd als financiële verplichtingen tegen reële waarde die op de winst- en verliesrekening worden geboekt, of als leningen, crediteuren of derivaten aangeduid als indekkingsinstrumenten voor een effectieve indekking, al naargelang. Alle financiële verplichtingen worden initieel tegen reële waarde geboekt en, in het geval van leningen en schulden, na aftrek van rechtstreeks toerekenbare transactiekosten. De financiële verplichtingen van de vennootschap omvatten met name handels- en andere schulden. De vennootschap beschikt niet over afgeleide financiële instrumenten.

Handels- en andere schulden worden aanvankelijk gewaardeerd tegen hun reële waarde, en vervolgens tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode.

Afgeleide financiële instrumenten

De Groep heeft als beleid zich niet te begeven in speculatieve transacties, noch financiële instrumenten uit te geven of aan te houden voor handelsdoeleinden.

(Q) EIGEN-VERMOGENSINSTRUMENTEN

De eigen-vermogensinstrumenten die worden uitgegeven door de Groep worden opgenomen tegen het ontvangen bedrag. De directe kosten van de uitgifte worden geboekt als een vermindering van het kapitaal.

(R) FINANCIËLE BATEN EN LASTEN

Financiële baten omvatten de rentebaten op geïnvesteerde gelden. Gerealiseerde en niet-gerealiseerde wisselkoersverschillen worden opgenomen onder financiële baten en lasten.

(S) GESEGMENTEERDE INFORMATIE

Een operationeel segment is een onderdeel van een entiteit:

  • dat bedrijfsactiviteiten uitoefent waaruit opbrengsten worden verdiend en waarbij kosten kunnen worden gemaakt (met inbegrip van opbrengsten en kosten uit transacties met andere onderdelen van de entiteit);
  • waarvan de bedrijfsresultaten regelmatig worden beoordeeld door de hoogstgeplaatste functionaris van de entiteit die belangrijke operationele beslissingen neemt (chief operating decision maker) teneinde beslissingen over de aan het segment toe te kennen middelen te kunnen nemen en de financiële prestaties van het segment te evalueren; en
  • waarvoor afzonderlijke financiële informatie beschikbaar is, dat zich ofwel toelegt op het verstrekken van specifieke producten of diensten (bedrijfssegment), ofwel op het verstrekken van producten of diensten binnen een bepaalde economische omgeving (geografisch segment), die verschillend zijn van de risico's en vergoedingen van andere segmenten.

(T) VOORRAAD

Grondstoffen, hulpstoffen en handelsartikelen worden geboekt tegen kostprijs of tegen netto realiseerbare waarde, al naargelang wat het laagste is. Het systeem van voorraadbeheer is gebaseerd op de FIFO-methode.

Goederen in bewerking en gereed product worden gewaardeerd tegen de standaardfabricagekosten of de netto realiseerbare waarde. Het systeem van voorraadbeheer is gebaseerd op de FIFO-methode.

Elke verslagperiode wordt een test uitgevoerd op de netto realiseerbare waarde. De netto realiseerbare waarde is de geschatte verkoopprijs in het kader van de normale bedrijfsuitoefening, verminderd met de geschatte kosten van voltooiing en de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.

De standaardfabricageprijs van de goederen in bewerking en het gereed product omvat naast de aanschaffingsprijs van de grondstoffen, verbruiksgoederen en hulpstoffen ook de productiekosten die rechtstreeks aan het product toerekenbaar zijn, evenals het evenredige deel van de productiekosten die slechts onrechtstreeks aan het product toerekenbaar zijn, voor zover deze kosten betrekking hebben op de normale productieperiode.

De standaardfabricageprijs wordt vergeleken met de werkelijke vervaardigingsprijs op jaarbasis. Het verschil resulteert in een aanpassing van de waarde van de voorraden.

Op de goederen in bewerking worden bijzondere waardeverminderingsverliezen toegepast, indien hun vervaardigingsprijs, vermeerderd met het geraamde bedrag van de nog te maken kosten hoger is dan de nettoverkoopprijs aan het einde van het boekjaar.

Bijzondere waardeverminderingsverliezen op voorraden worden geval per geval geanalyseerd indien de netto realiseerbare waarde lager is dan de kostprijs. De berekening van netto realiseerbare waarde houdt rekening met de specifieke karakteristieken van de voorraad, waaronder de vervaldatum en indicaties die wijzen op een lage rotatie.

5.5.4. Belangrijke boekhoudkundige ramingen en beoordelingen

Het opstellen van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS verplicht het management gebruik te maken van ramingen en veronderstellingen die een invloed hebben op de gerapporteerde bedragen van de activa en passiva, de toelichting van de latente activa en passiva op de datum van de jaarrekening, en de gerapporteerde bedragen van opbrengsten en uitgaven in de loop van de verslagperiode. De eigenlijke resultaten kunnen verschillen van deze ramingen.

De voornaamste veronderstellingen met betrekking tot toekomstige ontwikkelingen en de voornaamste bronnen van onzekerheid bij ramingen op de balansdatum, worden hieronder weergegeven.

Opbrengsten uit contracten met klanten

Overeenkomstig het vijfstappenmodel van de norm hebben de belangrijkste schattingen en beoordelingen van de Groep betrekking op de identificatie van de prestatieverplichtingen die deel uitmaken van haar overeenkomsten, en op de toewijzing van de transactieprijs op basis van de individuele verkoopprijs van elk van de prestatieverplichtingen.

De inkomstenbronnen van de vennootschap zijn grotendeels afkomstig van de verkoop van JETREA®-flacons via ons filiaal in de VS en via een aantal distributeurs buiten de VS. De Groep stelde vast dat er slechts één prestatieverplichting is voor alle contracten met klanten, te weten de levering van het JETREA®-product aan de klant. De transactieprijs is bijgevolg gelijk aan de individuele verkoopprijs van de flacon.

STAP OPBRENGSTEN UIT DE VERKOOP VAN FLACONS
1. Identificatie van het contract Oxurion sloot contracten af met distributeurs, zoals vermeld in toelichting 5.8 onder "Significante overeenkomsten":
Alcon/Novartis, Eumedica, ICare en distributeurs in de VS (Besse, McKesson, Walgreens).
2. Identificatie van de prestatieverplichtingen Bij alle distributieovereenkomsten is er slechts één uitvoeringsverplichting: de verkoop van goederen aan een derde
partij.
3. Identificatie van de transactieprijs De individuele prijs per flacon is vastgelegd in de overeenkomst met de klant.
4. Toewijzing van de transactieprijs Aangezien er slechts één prestatieverplichting is, is er geen toewijzing van de prijs. Om die reden wordt een individuele
prijs per flacon geboekt.
5. Opname van opbrengsten Opbrengsten worden geboekt bij de levering aan de klant (of aan een distributeur indien de distributeur de opdracht
gever is in de overeenkomst, of aan de eindklant indien de distributeur een agent is). Terugzendingen worden strikt naar
goeddunken van Oxurion gecrediteerd en er wordt een voorziening voor Amerikaanse terugzendingen getroffen op
basis van historische gegevens. Voorzieningen voor kortingen aan klanten in de EU of de rest van de wereld worden
aangelegd op basis van contractuele afspraken en/of lokale reglementering.

Op aandelen gebaseerde betalingsplannen

De Groep bepaalt de kostprijs van op aandelen gebaseerde betalingsplannen aan de hand van de reële waarde van het eigen-vermogensinstrument op toekenningsdatum. Het bepalen van de reële waarde veronderstelt de keuze van het meest geschikte waarderingsmodel bij deze eigen-vermogensinstrumenten, waarbij de kenmerken van de uitgifte een doorslaggevende invloed hebben. Dit veronderstelt ook de input in het waarderingsmodel van een aantal relevante veronderstellingen, zoals de geschatte levensduur van de optie, de volatiliteit, enz. De beoordelingen en het model worden verder gespecificeerd in toelichting 5.7.11.

Activering en bijzondere waardevermindering van immateriële activa

De Groep activeert ontwikkelingskosten als immateriële activa als aan de voorwaarden voor het erkennen van ontwikkelde immateriële vaste activa is voldaan; anders worden dergelijke kosten opgenomen in de resultatenrekening op het moment dat ze zich voordoen. De kosten worden enkel geactiveerd als het product zich in Fase 3 bevindt en de kans op toekomstig succes zeer waarschijnlijk wordt. Bovendien zijn boekhoudkundige ramingen en beoordelingen in verband met de evolutie van de onderneming in de toekomst ook belangrijk in het kader van het jaarlijkse onderzoek op bijzondere waardevermindering (impairment test).

Belastingen

De Groep is van oordeel dat er een aanzienlijke onzekerheid is omtrent het toekomstig gebruik van de fiscale verliezen van Oxurion NV, omdat op dit moment de impact van de octrooi-aftrek op het toekomstig belastbaar resultaat zeer moeilijk kan worden ingeschat. Aangezien de Groep op basis van een fiscale ruling van bovenvermelde octrooi-aftrek kan genieten, bestaat de verwachting dat de toekomstige fiscale winsten eerder beperkt zullen zijn. Daarnaast is er ook onzekerheid in verband met het toekomstige gebruik van de fiscale verliezen van ThromboGenics, Inc.

5.5.5. Segmentinformatie

De segmentinformatie wordt weergegeven op een manier die consistent is met de interne rapportering aan het orgaan van de entiteit dat de belangrijkste operationele beslissingen neemt (chief operating decision maker), teneinde haar in de mogelijkheid te stellen beslissingen te nemen over de aan het segment toe te kennen middelen en de financiële prestaties van het segment te evalueren. Op dit moment wordt binnen Oxurion op globaal niveau gerapporteerd.

5.5.5.1 Informatie over de verkoop van producten

De verkoop van producten heeft alleen betrekking op JETREA® en wordt gerapporteerd in toelichting 5.6.1.

5.5.5.2 Geografische informatie

De algemene en administratieve functies evenals Global Selling en O&O, allen gevestigd in Leuven (België), vertegenwoordigen zo'n 95% van het bedrijfsresultaat. In die context behoeven de activiteiten van de vennootschap geen verdere geografische toelichting.

Alle immateriële vaste activa en bijna alle materiële vaste activa (85%) bevinden zich in België.

5.5.5.3 Rapportage per bedrijfseenheid

Oxurion is een geïntegreerd biotechnologiebedrijf dat zich specialiseert in aandoeningen van het netvlies.

Onze moleculen, ocriplasmine (op de markt onder de merknaam JETREA®), de anti-PlGF die zich momenteel in klinische Fase 2 bevindt, de plasmakallikreïneremmer in klinische Fase 1/2a, de integrine-antagonist, eveneens in Fase 1/2a, evenals onze preklinische middelen zijn allemaal gericht op aandoeningen van het netvlies. Deze moleculen vertegenwoordigen meer dan 95% van de inkomsten en uitgaven van de vennootschap. Als gevolg hiervan vormen de geconsolideerde winst- en verliesrekening en de balans een getrouwe weergave van deze unieke bedrijfseenheid.

5.5.5.4 Informatie over grote klanten

Oxurion heeft één klant die eind 2018 goed was voor meer dan 56% van de totale inkomsten (2017: 68%), één klant die eind 2018 goed was voor meer dan 20% van de totale inkomsten (2017: 23%) en één klant die eind 2018 goed was voor meer dan 14% van de totale inkomsten (2017: 0%).

5.5.6. Financiële instrumenten

Oxurion handelt niet in financiële instrumenten voor speculatieve doeleinden.

De enige financiële instrumenten die de vennootschap momenteel aanhoudt, zijn de zogenaamde leningen en vorderingen voor een bedrag van 4,2 miljoen euro tegenover 4,3 miljoen euro in 2017, evenals geldmiddelen, kasequivalenten en beleggingen voor een bedrag van 85,1 miljoen euro tegenover 115,7 miljoen euro aan geldmiddelen, kasequivalenten, niet-beschikbare banktegoeden en beleggingen in 2017.

Financiële activa en financiële passiva worden opgenomen op de balans van de Groep wanneer de Groep een partij wordt in de contractuele voorzieningen van het instrument.

Gebruik van afgeleide financiële instrumenten, hedging

Op 31 december 2018 waren er geen uitstaande afgeleide financiële instrumenten. De vennootschap dekt zich niet in bij transacties.

Reële waarde

Er is geen significant verschil tussen de reële waarde en de boekwaarde van de geldmiddelen en kasequivalenten, de handels- en overige vorderingen en andere vlottende activa, handelsschulden en overige kortlopende verplichtingen van de Groep.

De boekwaarde van geldmiddelen en kasequivalenten en beleggingen is gelijk aan hun reële waarde, gezien de korte looptijd van deze financiële instrumenten. Zo is ook de boekwaarde van debiteuren en crediteuren, die alle onderworpen zijn aan de normale handelskredietvoorwaarden, gelijk aan hun reële waarde.

Beleggingen in obligaties worden gewaardeerd tegen reële waarde op basis van beursgenoteerde marktprijzen. De mutaties van de reële waarde worden geboekt onder de niet-gerealiseerde resultaten.

5.5.7. Financieel risicobeheer

De financiële afdeling van de moedermaatschappij coördineert de toegang tot de nationale en internationale financiële markten en beschouwt en beheert de financiële risico's met betrekking tot de activiteiten van de Groep. Deze risico's beperken zich echter tot een minimaal wisselkoersrisico. Er zijn geen noemenswaardige risico's, zoals liquiditeitsrisico of renterisico, aangezien de Groep schuldenvrij is en een ruime kaspositie heeft. De Groep koopt of verhandelt geen financiële instrumenten voor speculatieve doeleinden.

(A) KAPITAALBEHEER

De Groep beheert haar kapitaal met als doel te verzekeren dat de Groep in continuïteit kan blijven opereren. Tegelijk wenst de Groep het rendement aan haar belangenhouders te verzekeren via de resultaten van haar onderzoeksactiviteiten, waarvan verwacht wordt dat ze zullen leiden tot een toename van de waarde van de aandelen van de vennootschap. Deze strategie is niet gewijzigd ten opzichte van voorgaande jaren.

De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit beleggingen, geldmiddelen, kasequivalenten en niet-beschikbare banktegoeden, zoals vermeld in toelichtingen 5.7.6 en 5.7.7, en eigen vermogen toerekenbaar aan de houders van eigen-vermogensinstrumenten van de vennootschap, waaronder kapitaal, reserves en overgedragen resultaten, zoals vermeld in toelichting 5.7.10 en 5.7.11, respectievelijk.

De Groep beheert haar kapitaalstructuur en maakt de nodige aanpassingen in het licht van veranderingen van de economische omstandigheden, de risicokenmerken van de onderliggende activa en de verwachte kasbehoeften van de lopende onderzoeksactiviteiten. Bij de beoordeling van de kapitaalstructuur worden vooral de huidige kassituatie en de verwachte cash burn als voornaamste parameters gehanteerd. De cash burn wordt gedefinieerd als het nettoresultaat gecorrigeerd voor afschrijvingen en verminderd met de investeringen in vaste activa.

De Groep wenst een kapitaalstructuur in stand te houden die volstaat om minstens 12 maanden aan onderzoeksactiviteiten te financieren. Hierbij wordt momenteel geen rekening gehouden met kasinkomsten uit mogelijke samenwerkings- of andere kasgenererende overeenkomsten. Om de kapitaalstructuur in stand te houden, kan de Groep nieuwe aandelen uitgeven of financieringsovereenkomsten afsluiten.

De Groep is niet onderhevig aan enige extern opgelegde kapitaalvereisten.

(B) VOORNAAMSTE BOEKHOUDKUNDIGE PRINCIPES

Details van de voornaamste boekhoudkundige principes en methodes, inclusief de opnamecriteria, de waarderingsbasis en de basis waarop opbrengsten en kosten worden erkend, voor elke categorie van financiële activa, passiva en eigen-vermogensinstrumenten, worden toegelicht in punt 5.5.3.

(C) CATEGORIEËN VAN FINANCIËLE INSTRUMENTEN

De financiële instrumenten die de Groep momenteel heeft, zijn:

  • Vorderingen
  • Financiële verplichtingen op korte termijn
  • Geldmiddelen, kasequivalenten en beleggingen (zie toelichting 5.7.6 en 5.7.7) voor een totaal bedrag van 85,1 miljoen euro (2017: 115,7 miljoen euro, incl. niet-beschikbare banktegoeden). Als er wordt belegd, is dat vooral in obligaties met een laag risico en termijnbeleggingen.

(D) MARKTRISICO

De activiteiten van de Groep zorgen ervoor dat de opbrengsten van de Groep in eerste instantie zijn blootgesteld aan financiële risico's uit wisselkoersschommelingen. De Groep streeft ernaar om de inkomende en uitgaande kasstromen in vreemde valuta te compenseren. De wisselkoersschommelingen hebben vooral betrekking op onderzoeksuitgaven die gefactureerd worden in USD en GBP.

Sensitiviteitsanalyse op wisselkoersen

De Groep is voornamelijk blootgesteld aan schommelingen van het Britse pond (GBP) en de Amerikaanse dollar (USD) ten opzichte van de euro.

De gevoeligheid van de winst of het verlies voor wisselkoersschommelingen is vooral te wijten aan financiële instrumenten die in Amerikaanse dollar en Britse pond zijn uitgedrukt.

BELASTINGEN IMPACT OP DE WINST NA
2018 2017
Stijging wisselkoers USD/EUR met 10% -619 -1.188
Daling wisselkoers USD/EUR met 10% 756 1.452
Stijging wisselkoers GBP/EUR met 10% -10 0
Daling wisselkoers GBP/EUR met 10% 12 0

(*) De vergelijkende cijfers van 2017 werden gecorrigeerd om het effect van omrekeningen uit te sluiten.

(E) BEHEER VAN HET RENTERISICO

De Groep heeft momenteel geen externe schuldfinanciering lopen. Daarenboven heeft de Groep geen enkele financiële schuldverbintenis lopen met een variabele rentevoet. Bijgevolg is er momenteel binnen de Groep geen nood aan een specifiek beleid inzake het beheer van het renterisico.

(F) BEHEER VAN HET KREDIETRISICO

Kredietrisico betreft het risico dat een tegenpartij haar contractuele verplichtingen niet zou nakomen en waarbij de Groep een financieel verlies zou lijden. Het beleid van de Groep is erop gericht om enkel met kredietwaardige tegenpartijen te werken en, waar nodig, voldoende zekerheden te eisen. Informatie omtrent de kredietwaardigheid van tegenpartijen wordt aangeleverd door onafhankelijke ratingagentschappen en, indien deze niet beschikbaar is, gebruikt de Groep publiek beschikbare informatie alsook de eigen interne gegevens. Kredietrisico wordt beheerd door de individuele opvolging van de kredieten per tegenpartij door de financiële afdeling van de moedermaatschappij.

De Groep heeft een beperkt aantal klanten, waaronder drie groothandelaren van JETREA®, zoals vermeld in rubriek 5.7.5. Kredietrisico's worden als verwaarloosbaar beschouwd omdat er in het verleden nooit problemen zijn geweest met het innen van betalingen. Vanaf juni 2018 zal Eumedica de distributiediensten van JETREA® verzorgen. Eumedica zal de betalingen voor Oxurion innen bij de eindklanten. Het kredietrisico rust uiteindelijk bij Oxurion. Tot dusver konden betalingen zonder vertraging en met een beperkt kredietrisico worden geïnd.

Het kredietrisico op geldbeleggingen is beperkt, aangezien de tegenpartijen banken zijn met hoge kredietscores, toegekend door internationale ratingagentschappen.

(G) BEHEER VAN HET LIQUIDITEITSRISICO

De Groep beheert haar liquiditeitsrisico door voldoende reserves te voorzien en door continu de vooropgestelde en effectieve kasstromen na te gaan. Momenteel is de Groep niet onderhevig aan enig wezenlijk liquiditeitsrisico.

5.5.8. Vergoeding van het key management

Het key management-personeel bestond in 2018 uit:

• ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes – CEO

Het key management-personeel vormt het Executive Team zoals uiteengezet in het hoofdstuk over de vennootschap.

De vergoeding van het key management wordt hieronder weergegeven.

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Consultancy- en onkostenvergoedingen op
korte termijn
549 751
Aangeboden warrants en aandelen tijdens de
periode (in duizenden)
100 100
Consultancy-vergoedingen op lange termijn in
geval van verbreking van het contract
Minimale vergoeding 461 446
Maximale vergoeding 692 669

Er werden geen leningen, quasi-leningen of andere waarborgen verleend aan de uitvoerende bestuurders.

5.6. Toelichtingen bij de geconsolideerde winst- en verliesrekening

5.6.1. Opbrengsten

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Verkopen 5.221 4.552
Royalty-inkomsten 99 1.258
Regeling kostprijs verkochte goederen vorige jaren 0 3.245
Totale inkomsten 5.320 9.055

In 2018 bedroeg de omzet uit Oxurion JETREA® 5,2 miljoen euro, tegenover 4,6 miljoen euro in 2017.

Oxurion sloot in 2018 handelsovereenkomsten af met twee distributeurs: Eumedica en Icare.

In 2018 bedroegen de opbrengsten uit royalty's 0,1 miljoen euro, tegenover 1,3 miljoen euro in 2017. In 2018 bestonden de opbrengsten uit royalty's voornamelijk uit royalty's ontvangen van Icare. In 2017 kwamen deze royalty-opbrengsten vooral van Alcon/Novartis. In 2017 werd als uiteindelijke vergoeding voor de historische kostprijs van verkochte goederen van Alcon/Novartis een vergoeding van 3,3 miljoen euro ontvangen.

Voor meer details wordt verwezen naar het hoofdstuk "Significante overeenkomsten" in toelichting 5.8.

5.6.2. Kostprijs van de verkoop

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Licentierechten-verkopen -153 -237
Kosten van goederen -3.202 -2.342
Totale kostprijs van de verkoop -3.355 -2.579

De licentierechten-verkopen omvatten de royalty's die Oxurion verschuldigd is aan RCT en LSRP op basis van de verkoop van JETREA®. Voor meer informatie over deze royalty-overeenkomsten wordt verwezen naar toelichting 5.8.

Voor de kosten van de flacons werd in 2018 een bedrag geboekt van 2,9 miljoen euro als afschrijving op geneesmiddelvoorraden (1,8 miljoen euro) en excipiënten (1,3 miljoen euro). Het bedrag van 2,4 miljoen euro van het voorgaande jaar is het gevolg van de afschrijving van verouderde geneesmiddelen en materialen.

5.6.3. Onderzoeks- en ontwikkelingskosten

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Personeelsvergoedingen -6.387 -5.822
O&O-activiteiten in onderaanneming -12.883 -11.281
Reagentia en materialen -730 -650
Octrooikosten -406 -287
Diverse dienstverleningen -3.386 -1.883
Overige -2.384 -1.968
Afschrijvingen -3.600 -3.790
Overheidssubsidies 73 823
Opbrengsten uit de doorrekening van kosten 180 1.672
Totaal onderzoeks- en ontwikkelingskosten -29.523 -23.186

De O&O-activiteiten in onderaanneming namen toe van 11,3 miljoen euro tot 12,9 miljoen euro en hebben betrekking op uitbestede diensten om de projecten van Oxurion in preklinische en klinische fase te ontwikkelen. De toename is voornamelijk toe te schrijven aan de tegelijkertijd lopende klinische Circle- en THR-317-onderzoeken en de preklinische activiteiten met THR-687, THR-149 en TB-403.

In 2018 namen de overige kosten toe tot 2,4 miljoen euro, tegenover 2,0 miljoen euro in 2017. De stijging is het gevolg van een mijlpaalbetaling van 1,0 miljoen euro aan Bicycle Therapeutics (2017: 0,750 miljoen euro).

Sinds de lancering van JETREA® (begin januari 2013) is Oxurion begonnen met het afschrijven van de kosten die verband houden met de ontwikkeling van ocriplasmine. De afschrijvingen zijn verminderd ten gevolge van in 2016 geboekte waardeverminderingen. We verwijzen hiervoor naar toelichting 5.7.2 voor meer informatie.

De overheidssubsidies bestaan uit subsidies ontvangen van het VLAIO, voorheen bekend als het IWT. Aangezien twee van de vier programma's werden afgerond, heeft Oxurion momenteel nog één contract lopen met het VLAIO. Zie het boekhoudbeleid in toelichting 5.5.3 voor meer details.

De opbrengsten uit de doorrekening van kosten hebben betrekking op de doorrekening van onderzoeks- en ontwikkelingskosten naar Alcon/Novartis, BioInvent en LSRP. Zie de informatie over de belangrijkste regelingen in toelichting 5.8 voor meer details over deze regelingen en het boekhoudbeleid ter zake.

De overheidssubsidies en opbrengsten uit de doorrekening van kosten worden afgetrokken van de onderzoeks- en ontwikkelingskosten.

5.6.4. Algemene en administratieve kosten

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Personeelsvergoedingen -1.564 -1.757
Diverse dienstverleningen -3.248 -2.811
Verzekering -321 -295
Overige -1.209 -1.350
Afschrijvingen -7 -13
Totaal algemene en administratieve kosten -6.349 -6.226

De consultants zijn experts die door Oxurion worden ingehuurd om ondersteuning te bieden op het gebied van ICT, management, audit, vergoedingen van de Raad van Bestuur, HR-diensten, enz.

5.6.5. Distributiekosten

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Personeelsvergoedingen -1.917 -1.465
Distributiekosten -843 -734
Vergoedingen voor onderaanneming en advies -2.461 -1.225
Overige -976 -796
Afschrijvingen -20 -27
Totaal distributiekosten -6.217 -4.247

In 2018 bedroegen de distributiekosten van Oxurion 6,2 miljoen euro, tegenover 4,2 miljoen euro in 2017. Deze stijging weerspiegelt de investeringen in personeel voor een specifiek aantal markten buiten de VS, evenals diverse activiteiten die verband houden met de overdracht van markttoelatingen en wettelijke verplichtingen door Alcon/Novartis.

5.6.6. Overige bedrijfsopbrengsten

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Overige bedrijfsopbrengsten 883 50.449
Totaal bedrijfsopbrengsten 883 50.449

In 2018 bedroegen de overige bedrijfsopbrengsten van Oxurion 0,883 miljoen euro, tegenover 50,4 miljoen euro in 2017. In 2018 betrof dit in hoofdzaak een opgebouwd belastingtegoed voor een bedrag van 0,826 miljoen euro. Vorig jaar ontving de vennootschap 45,0 miljoen euro en 4,5 miljoen euro van Alcon/Novartis ter vergoeding van respectievelijk de beëindiging van de overeenkomst voor de commercialisering van JETREA® buiten de VS en voor tussenkomst bij verouderde farmaceutische materialen. Zie ook toelichting 5.8 voor meer informatie over de vergoeding betaald door Alcon/Novartis. In 2017 bedroeg het opgebouwde belastingtegoed 0,821 miljoen euro.

5.6.7. Financiële opbrengsten

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Rente-inkomsten 165 53
Wisselkoersopbrengst (in USD en GBP) 631 339
Totaal financiële opbrengsten 796 392

Als gevolg van herwaarderingen in USD bedroeg de niet-gerealiseerde wisselkoersopbrengst in 2018 0,255 miljoen euro (2017: 0,255 miljoen euro). De gerealiseerde wisselkoersopbrengst was goed voor een bedrag van 0,376 miljoen euro (2017: 0,840 miljoen euro).

5.6.8. Financiële kosten

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Bankkosten -24 -31
Waardeverminderingen op kortlopende financi
ële beleggingen
-10 2
Overige -8 -11
Wisselkoersverlies (in USD en GBP) -282 -989
Totaal financiële kosten -324 -1.029

Als gevolg van herwaarderingen in USD bedroeg het niet-gerealiseerde wisselkoersverlies in 2018 0,175 miljoen euro (2017: 0,972 miljoen euro). Het gerealiseerde wisselkoersverlies was goed voor een bedrag van 0,108 miljoen euro (2017: 0,017 miljoen euro).

5.6.9. Personeelsvergoedingen

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Wedden, lonen en bonussen -8.906 -8.473
Op aandelen gebaseerde vergoedingslasten -592 -176
Pensioenkosten -370 -395
Totaal -9.868 -9.044

Het gemiddeld aantal voltijds equivalente werknemers (inclusief uitvoerende bestuurders) bedroeg:

IN AANTALLEN 2018 2017
Onderzoek en ontwikkeling 52 52
Algemeen en administratie 9 10
Distributie 9 9
Totaal 70 71

De op aandelen gebaseerde vergoedingslasten die werden opgenomen in de resultatenrekening worden hieronder weergegeven:

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten 203 77
Algemene en administratieve kosten 208 65
Distributiekosten 181 34
Totaal 592 176

Voor meer informatie over de op aandelen gebaseerde betalingsplannen, verwijzen we naar toelichting 5.7.11.

5.6.10. Operating leases

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Leasingbetalingen opgenomen als een last
(leasingnemer)
-629 -663

Voor meer informatie over deze contracten verwijzen we naar toelichting 5.8.

5.6.11.Belastingen

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Belastingen -10 -14
Uitgestelde belastingen 0 0
Belastingkosten in de resultatenrekening -10 -14
Effectief belastingtarief 0,0% -0,1%

De belastinglast zoals hierboven weergegeven is berekend in overeenstemming met de lokale en internationale belastingwetgeving. De belasting op het verlies (-) / de winst voor belastingen van de Vennootschap wijkt af van het theoretische bedrag dat zou ontstaan bij toepassing van het nationale tarief in België op het verlies (-) / de winst van het jaar en is als volgt:

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017 (*)
Verlies (-) / winst voor belastingen -38.769 22.629
Verwachte belastingen, berekend door toepas
sing van het Belgische statutaire belastingtarief
van de moedermaatschappij (2018: 29,58% en
2017: 33,99%) (theoretisch)
11.468 -7.692
Verworpen uitgaven -83 -68
Aftrek voor risicokapitaal -1.764 89
Belastingaftrekken en niet-belastbare inkomsten 453 554
Wijziging in niet-opgenomen uitgestelde
belastingen
-8.052 25.611
Aanpassingen voor actuele belastingen van
voorgaande periodes
0 0
Wijziging in belastingtarieven als gevolg van
belastinghervorming
-1.977 -18.409
Verschil in belastingtarieven ten opzichte van
andere jurisdicties
1 0
Andere -36 -71
Belasting van het jaar (effectief) -10 -14

(*) Details niet opgenomen in het jaarverslag 2017, weergegeven ter vergelijking.

Het belangrijkste verschil tussen de theoretische belasting en de effectieve belasting voor het jaar 2017 en 2018 kan voornamelijk verklaard worden door de niet-opgenomen uitgestelde belastingen waarvan de onderneming conservatief inschat dat het niet waarschijnlijk is dat deze in de nabije toekomst zullen worden gebruikt.

In 2017 heeft de Belgische regering een substantiële belastinghervorming in de wet opgenomen die een verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting omvatte. Het tarief zal dalen van 33,99% tot 29,58% in 2018 en 2019 en tot 25% vanaf 2020.

In 2017 heeft de regering van de Verenigde Staten een belastinghervorming in wet omgezet die een verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting omvatte. Het tarief zal vanaf 2018 dalen van 35% naar 21%. Beide hebben geleid tot een herwaardering van de niet-erkende uitgestelde belastingvorderingen van de onderneming.

De overgedragen notionele intrestaftrek verviel eind 2018, aangezien deze vanaf 2019 niet meer kan worden gebruikt.

5.6.12. Resultaat per aandeel

Gewoon resultaat per aandeel

De berekening van het gewone resultaat per aandeel op 31 december 2018 is gebaseerd op de aan de houders van gewone aandelen toe te rekenen verlies (-) / winst van (38,779) miljoen euro (2017: 22,615 miljoen euro) en een gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen dat gedurende 2018 heeft uitgestaan van 38.250.729 (2017: 36.094.349), als volgt berekend:

2018 2017
Uitgegeven gewone aandelen op 1 januari 36.094.349 36.094.349
Effect van kapitaalverhoging door uitgifte van
aandelen
2.153.366 0
Effect van uitgeoefende aandelenopties 3.014 0
Gemiddeld aantal gewone aandelen op 31
december
38.250.729 36.094.349
IN '000 EURO, BEHALVE VOOR HET RESULTAAT
PER AANDEEL
2018 2017
Resultaat van het jaar -38.779 22.615
Gewoon resultaat per aandeel -1,01 0,63

Verwaterd resultaat per aandeel

Voor de berekening van het verwaterd resultaat per aandeel is het aantal gewone aandelen het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen plus het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen die zouden worden uitgegeven bij de omzetting van alle verwaterende potentiële gewone aandelen in gewone aandelen.

2018 2017
Uitgegeven gewone aandelen (verwaterd) op
1 januari
36.993.224 36.531.849
Effect van kapitaalverhoging door uitgifte van
aandelen
2.153.366 0
Effect van uitgeoefende aandelenopties 3.014 66.777
Effect van potentiële gewone aandelen -8.837 0
Gemiddeld aantal gewone aandelen (verwa
terd) op 31 december
39.140.767 36.598.626
IN '000 EURO, BEHALVE VOOR HET RESULTAAT
PER AANDEEL
2018 2017
Resultaat van het jaar -38.779 22.615
Verwaterd resultaat per aandeel (*) -1,01 0,62

(*) Aangezien het boekjaar 2018 met een verlies afsloot, is de verwaterde winst gelijk aan de gewone winst per aandeel.

De Groep heeft warrants toegekend aan werknemers, consultants en bestuurders om gewone aandelen aan te kopen.

Zie toelichting 5.7.11 voor een overzicht van het aantal uitstaande warrants bij elk jaareinde.

5.7. Toelichtingen bij de geconsolideerde balans

5.7.1. Materiële vaste activa

IN '000 EURO MATERIËLE
VASTE
ACTIVA
MEUBILAIR
EN ROLLEND
MATERIAAL
TOTAAL
Op 1 januari 2017
Kosten 6.247 3.995 10.242
Gecumuleerde afschrijving -5.135 -3.408 -8.543
Wisselkoersverschillen 9 35 44
Nettoboekwaarde 1.121 622 1.743
Jaar afgesloten op 31 december 2017
Toevoegingen 125 172 297
Afschrijvingskosten -419 -255 -674
Buitengebruikstellingen -284 -39 -323
Wisselkoersverschillen -33 -19 -52
Nettoboekwaarde 510 481 991
Op 31 december 2017
Kosten 6.372 4.167 10.539
Gecumuleerde afschrijving en buitengebruikstellingen -5.838 -3.702 -9.540
Wisselkoersverschillen -24 16 -8
Nettoboekwaarde 510 481 991
Jaar afgesloten op 31 december 2018
Toevoegingen 128 67 195
Afschrijvingskosten -253 -221 -474
Buitengebruikstellingen -100 0 -100
Wisselkoersverschillen 0 2 2
Nettoboekwaarde 285 329 614
Op 31 december 2018
Kosten 6.500 4.234 10.734
Gecumuleerde afschrijving en buitengebruikstellingen -6.191 -3.923 -10.114
Wisselkoersverschillen -24 18 -6
Nettoboekwaarde 285 329 614

Op 31 december 2018 zijn er nog materiële vaste activa in gebruik die reeds volledig zijn afgeschreven met een waarde van 6,1 miljoen euro. (2017: 5,3 miljoen euro). Er worden geen materiële vaste activa in onderpand gegeven, noch zijn er beperkt in gebruik.

5.7.2. Immateriële activa en goodwill

5.7.2.1 Immateriële activa

IN '000 EURO INTERN GE
GENEREERDE
MICROPLAS
MINE FASE 3
LICENTIE
NUVUE
LICENTIE
GRIFOLS
LICENTIE
GALAPAGOS
LICENTIE VIB OVERIGE
LICENTIES
TOTAAL
Op 1 januari 2017
Kosten 53.597 12.019 9.935 1.000 125 168 76.844
Gecumuleerde afschrijving -19.469 -4.031 -3.276 0 0 -166 -26.942
Bijzondere waardeverminderingsverliezen -24.000 0 0 0 0 0 -24.000
Nettoboekwaarde 10.128 7.988 6.659 1.000 125 2 25.902
Jaar afgesloten op 31 december 2017
Toevoegingen 0 0 0 0 857 0 857
Buitengebruikstellingen 0 0 0 0 0 0 0
Afschrijvingskosten -1.293 -1.019 -842 0 0 -2 -3.156
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 0 0 0 0 0 0 0
Nettoboekwaarde 8.835 6.969 5.817 1.000 982 0 23.603
Op 31 december 2017
Kosten 53.597 12.019 9.935 1.000 982 168 77.701
Gecumuleerde afschrijving -20.762 -5.050 -4.118 0 0 -168 -30.098
Gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen -24.000 0 0 0 0 0 -24.000
Nettoboekwaarde 8.835 6.969 5.817 1.000 982 0 23.603
Jaar afgesloten op 31 december 2018
Toevoegingen 0 0 0 0 0 0 0
Buitengebruikstellingen 0 0 0 0 0 0 0
Afschrijvingskosten -1.293 -1.019 -842 0 0 0 -3.153
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 0 0 0 0 0 0 0
Nettoboekwaarde 7.542 5.950 4.975 1.000 982 0 20.450
Op 31 december 2018
Kosten 53.597 12.019 9.935 1.000 982 168 77.701
Gecumuleerde afschrijving -22.055 -6.069 -4.960 0 0 -168 -33.251
Gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen -24.000 0 0 0 0 0 -24.000
Nettoboekwaarde 7.542 5.950 4.975 1.000 982 0 20.450

Bij de ontwikkeling van JETREA® activeerde Oxurion de kosten van de klinische studie voor ocriplasmine (intern gegenereerde Microplasmine Fase 3) en twee extern verworven licenties die gebruikt werden voor de ontwikkeling van JETREA®: NuVue en Grifols. De geactiveerde kosten werden afgeschreven met ingang van de datum van commercialisering van JETREA® in 2013, over de looptijd van het octrooi. Deze is vastgesteld op 11,8 jaar. Raadpleeg het gedeelte over het boekhoudbeleid voor meer informatie over ocriplasmine evenals toelichting 5.8 bij de belangrijkste regelingen voor meer details over de overeenkomsten met betrekking tot NuVue en Grifols.

De Galapagos-licentie heeft betrekking op een externe, door Oxurion verworven licentie met betrekking tot het programma THR-687, voor de ontwikkeling en commercialisering van integrine-antagonisten voor de behandeling van diabetische oogziekten. De licentie wordt nog niet afgeschreven aangezien de ontwikkeling momenteel nog volop bezig is. Er wordt jaarlijks een waardeverminderingsbeoordeling uitgevoerd. Er is geen noodzaak voor een bijzondere waardevermindering van deze licentie. Voor meer details over de overeenkomst en de boekhoudkundige verwerking wordt verwezen naar toelichting 5.8 onder het hoofdstuk over de belangrijkste regelingen.

De VIB-licentie heeft betrekking op een externe, door Oxurion verworven licentie voor een portefeuille van vijf unieke immuno-oncologische middelen van de volgende generatie die gebruikt worden bij de verdere ontwikkeling. Dit actiefbestanddeel werd door VIB ingebracht in natura en werd geactiveerd op basis van de reële waarde vastgesteld door een onafhankelijk taxateur. De licentie wordt nog niet afgeschreven aangezien de ontwikkeling momenteel nog volop bezig is. Voor meer details over de overeenkomst en de boekhoudkundige verwerking wordt verwezen naar toelichting 5.8 onder het hoofdstuk over de belangrijkste regelingen.

Onderzoek op bijzondere waardevermindering eind 2017

De verminderde verkopen van JETREA® in 2017 in vergelijking met 2016 werden beschouwd als een indicator voor een onderzoek op bijzondere waardevermindering. Het onderzoek op bijzondere waardevermindering richtte zich op de kasstroomgenererende eenheid van JETREA® waartoe de volgende immateriële activa behoren: Microplasmine, Grifols en NuVue (zie de tabel hierboven). De realiseerbare waarde van deze kasstroomgenererende eenheid werd bepaald op basis van de bedrijfswaarde, waarvan de berekening het gebruik van aannames vereist. De berekening maakt gebruik van kasstroomprognoses op basis van door het management goedgekeurde financiële budgetten voor een periode van zeven jaar, wat overeenkomt met de resterende looptijd van het octrooi voor JETREA®. De kasstromen na de periode van zeven jaar worden geëxtrapoleerd op basis van de geschatte groeipercentages. Deze groeipercentages zijn in overeenstemming met de prognoses in de sectorverslagen die specifiek zijn voor de sector waarin de kasstroomgenererende eenheid actief is. Er werd een disconteringsvoet (gewogen gemiddelde kosten van kapitaal) van 14% toegepast. De bedrijfswaarde lag iets hoger dan de boekwaarde van het actiefbestanddeel. Bij een disconteringsvoet van 15% zou er een tekort zijn van 1,4 miljoen euro ten opzichte van de boekwaarde, bij een disconteringsvoet van 13% een overschot van 1,5 miljoen euro. Eind 2017 was het management van Oxurion van oordeel dat de bedrijfswaarde zich gunstig zal ontwikkelen en dat een bijzondere waardevermindering bijgevolg niet aan de orde was.

Voor de intellectuele eigendom van Galapagos en van VIB werd de boekwaarde getoetst aan de waarschijnlijke bedrijfswaarde. De reden hiervan lag in de onbepaalde levensduur en de preklinische status. Er werd gebruikgemaakt van een DCF-model met toepassing van standaardkansen om de molecule op de markt te brengen en een disconteringsvoet (gewogen gemiddelde kosten van kapitaal) van 14%. Dit resulteerde niet in een indicatie van bijzondere waardevermindering. Zie de tabel hierboven voor een gedetailleerd overzicht van de boekwaarde van de intellectuele eigendom van Galapagos en VIB.

Onderzoek op bijzondere waardevermindering eind 2018

Eind 2018 werd een onderzoek op bijzondere waardevermindering uitgevoerd voor de kasstroomgenererende eenheid van JETREA®. De realiseerbare waarde van deze kasstroomgenererende eenheid werd bepaald op basis van de reële waarde. De berekening van de reële waarde is gebaseerd op een berekening van niveau 3 conform IFRS 13. De berekening maakt gebruik van kasstroomprognoses op basis van marktstudies en statistieken over het product zelf voor een periode van zes jaar, wat overeenkomt met de resterende levensduur van het octrooi voor JETREA®. Deze kasstromen omvatten verdisconteerde restwaarden na de periode van zes jaar, uitgaande van een geringe daling van de omzet. Het model gebruikt groeipercentages die overeenstemmen met de prognoses in de sectorverslagen die specifiek zijn voor de sector waarin de kasstroomgenererende eenheid actief is. Er werd een disconteringsvoet (gewogen gemiddelde kosten van kapitaal) van 25% gebruikt, rekening houdend met de belangrijkste aannames, zoals de verwachte groeivoet die in het model wordt gebruikt. Het reële-waardemodel bestaat uit een geschat percentage van 3% ter dekking van eventuele kosten voor verkoop. Het model leverde een realiseerbare waarde op die de boekwaarde met 0,7 miljoen euro overschrijdt. Er werd een gevoeligheidsanalyse uitgevoerd op basis van verschillende scenario's die beïnvloed worden door de belangrijkste aannames met betrekking tot de gewogen gemiddelde kosten van kapitaal en het groeipercentage. Uit de analyse bleek dat de realiseerbare waarde gelijk is aan de boekwaarde wanneer de gewogen gemiddelde kosten van kapitaal naar 26% worden verhoogd en eveneens wanneer de beste, geschatte samengestelde groeivoet met 3% wordt verlaagd. Op basis van de reële-waardebepaling was de directie van Oxurion van oordeel dat een bijzondere waardevermindering niet nodig was.

Voor de intellectuele eigendom van Galapagos en van VIB werd de boekwaarde getoetst aan de waarschijnlijke bedrijfswaarde. De reden hiervan lag in de onbepaalde levensduur en de preklinische status. Er werd gebruikgemaakt van een DCF-model met toepassing van standaardkansen om de molecule op de markt te brengen en een disconteringsvoet (gewogen gemiddelde kosten van kapitaal) van 14%. Dit resulteerde niet in een indicatie van bijzondere waardevermindering. Zie de tabel hierboven voor een gedetailleerd overzicht van de boekwaarde van de intellectuele eigendom van Galapagos en VIB.

5.7.2.2 Goodwill

IN '000 EURO
-- -- -- --------------
Op 1 januari 2017
Kosten 2.586
Gecumuleerde bijzondere waardeverminde
ringsverliezen
-2.586
Nettoboekwaarde 0
Jaar afgesloten op 31 december 2017
Toevoegingen 0
Buitengebruikstellingen 0
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 0
Nettoboekwaarde 0
Op 31 december 2017
Kosten 2.586
Gecumuleerde bijzondere waardeverminde
ringsverliezen
-2.586
Nettoboekwaarde 0
Jaar afgesloten op 31 december 2018
Toevoegingen 0
Buitengebruikstellingen 0
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 0
Nettoboekwaarde 0
Op 31 december 2018
Kosten 2.586
Gecumuleerde bijzondere waardeverminde
ringsverliezen
-2.586
Nettoboekwaarde 0

Deze goodwill houdt verband met de historische acquisitie van eigendomsbelangen in Thromb-X NV door ThromboGenics Ltd in 2001.

De bijzondere waardevermindering van de goodwill met betrekking tot JETREA® werd afgeschreven naar aanleiding van het onderzoek op bijzondere waardevermindering van 2016.

5.7.3. Overige vaste activa op lange termijn

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Overige vaste activa op lange termijn 127 126
Totaal 127 126

De overige vaste activa op lange termijn bestaan uit:

  • Huurwaarborg kantoren België (Bio-Incubator): 0,117 miljoen euro
  • Waarborg aan Intelsius DGP (verpakking en transport): 0,010 miljoen euro (0,011 miljoen USD)

5.7.4. Voorraad

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Grond- en hulpstoffen, goederen in bewerking
en gereed product
1.036 2.204
Vooruitbetalingen 0 0
Totaal 1.036 2.204

De voorraad grond- en hulpstoffen, goederen in bewerking en gereed product wordt netto getoond, na aftrek van de bijzondere waardeverminderingsverliezen. Deze bijzondere waardeverminderingsverliezen op voorraden, geboekt als kosten van goederen, bedragen 2,862 miljoen euro. In 2017 bedroegen ze nog 2,251 miljoen euro.

5.7.5. Handels- en overige vorderingen, belastingtegoed op lange termijn en korte termijn

5.7.5.1 Handels- en overige vorderingen

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Handelsvorderingen 2.012 2.626
Overige vorderingen 1.341 1.230
Vooruitbetaalde kosten en overige vlottende
activa
866 439
Totaal 4.219 4.295

De overige vorderingen hebben vooral betrekking op vooruitbetalingen: 1,321 miljoen euro in 2018, tegenover 1,224 miljoen euro in 2017. Deze voorschotten werden vooraf betaald aan verschillende CRO-partners, vooral in verband met rechtstreekse kosten en doorberekende kosten.

Dubieuze handelsvorderingen worden geboekt op basis van een inschatting van verwachte kredietverliezen over de gebruiksduur van het actiefbestanddeel, rekening houdend met de betalingshistoriek van de tegenpartij. Op 31 december 2018 en 2017 zijn er geen materiële vervallen handelsvorderingen.

De onderstaande tabel toont de evolutie van de belangrijkste handelsvorderingen op balansdatum:

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
BioInvent 62 85
Alcon/Novartis 623 1.608
Accredo Health Group, Inc. 3 3
Besse Medical 314 416
Eumedica 805 0
Quintiles Outcome Sciences 37 356
McKesson Specialty Distribution 90 92
Walgreens Specialty 72 48
Accutome, Inc. 0 18
Overige handelsvorderingen 5 0
Totaal 2.012 2.626

Het management heeft voldoende vertrouwen in de kredietwaardigheid van de tegenpartijen en de bedragen worden als volledig inbaar beschouwd. De Groep heeft geen zekerheden verbonden aan deze vorderingen.

Bij het bepalen van de inbaarheid van een handelsvordering, houdt de Groep rekening met wijzigingen in de kwaliteit van de vordering tussen de datum waarop het krediet werd verleend en de rapporteringsdatum.

5.7.5.2 Belastingen

Belastingvorderingen op lange termijn

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Belastingtegoed 2.584 1.434
Totaal 2.584 1.434

Het belastingtegoed geldt voor de betrokken verworven immateriële activa, indien geactiveerd. Wanneer Oxurion dit belastingtegoed op lange termijn binnen de komende vijf jaar niet gebruikt, is dit terugvorderbaar van de overheid.

Belastingvorderingen op korte termijn

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Terug te vorderen BTW 496 340
Terug te vorderen roerende voorheffing 55 43
Overige belastingen 30 30
Belastingtegoed 126 1.641
Totaal 707 2.054

De uitstaande belastingsvorderingen hebben betrekking op de terug te vorderen BTW, terug te vorderen roerende voorheffing op intresten, Amerikaanse vennootschapsbelasting en het belastingtegoed op korte termijn.

De afname van de belastingvorderingen op korte termijn is het gevolg van het feit dat in 2018 een groot belastingtegoed werd terugbetaald.

5.7.6. Beleggingen

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Overige beleggingen 475 634
Termijnbeleggingen 20.000 48.921
Totaal beleggingen 20.475 49.555
FINANCIËLE ACTIVA VOLGENS CATEGORIEËN
GEDEFINIEERD IN IFRS 9
BELEGGINGEN
TEGEN GE
AMORTISEERDE
KOSTPRIJS
BELEGGINGEN
TEGEN REËLE
WAARDE VIA
NIET-GERE
ALISEERDE
RESULTATEN
Balans op 1 januari 2017 21.000 817
Wisselkoersverschillen 0 -29
Toevoegingen 27.921 0
Buitengebruikstellingen 0 -155
Waardeverminderingen 0 1
Waardering tegen marktwaarde 0 0
Balans op 31 december 2017 48.921 634
-/- waarvan opgenomen onder vast actief - -
Opgenomen onder vlottend actief 48.921 634
Samenstelling
- Overige obligaties 0 634
- Termijnbeleggingen 48.921 0
Uitsplitsing per munt
- in EUR 41.000 380
- in overige valuta 7.921 254
Totaal 48.921 634
Balans op 1 januari 2018 48.921 634
Wisselkoersverschillen 0 5
Toevoegingen 0 0
Buitengebruikstellingen -28.921 -142
Waardeverminderingen 0 -8
Waardering tegen marktwaarde 0 -14
Balans op 31 december 2018 20.000 475
-/- waarvan opgenomen onder vast actief - -
Opgenomen onder vlottend actief 20.000 475
Samenstelling
- Overige obligaties 0 475
- Termijnbeleggingen 20.000 0
Uitsplitsing per munt
- in EUR 20.000 330
- in overige valuta 0 145
Totaal 20.000 475

De Groep heeft beslist om vooral gebruik te maken van spaar- en termijnrekeningen om haar fondsen te beheren. Op 31 december 2018 was 20 miljoen euro belegd in termijnrekeningen uitgedrukt in euro. De intrestvoet ligt tussen 0,05% en 0,06%. BNP Paribas Fortis heeft een A-kredietbeoordeling van S&P.

De overige obligaties worden aangehouden door UBP (Union Bancaire Privée) en zijn verdeeld onder 10 obligaties van private en publieke instellingen. De kredietbeoordeling varieert van A, A+, BBB tot BBB+. Obligaties worden gewaardeerd tegen reële waarde als hiërarchisch niveau 1 op basis van beursgenoteerde marktprijzen.

5.7.7. Geldmiddelen, kasequivalenten en nietbeschikbare banktegoeden

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Geldmiddelen en kasequivalenten 64.652 56.175
Niet-beschikbare banktegoeden 0 10.000
Totaal geldmiddelen, kasequivalenten en
niet-beschikbare banktegoeden
64.652 66.175

De niet-beschikbare banktegoeden in 2017 ten bedrage van 10,0 miljoen euro hebben betrekking op de financiële middelen die op 22 december 2017 werden ontvangen van Novartis Pharma AG voor de kapitaalverhoging die plaatsvond op 5 januari 2018.

5.7.8. Overige kortetermijnverplichtingen

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Personeelsvergoedingen 2.257 1.850
Overige kortlopende verplichtingen 2.243 11.932
Totaal overige kortetermijnverplichtingen 4.500 13.782

Onder personeelsvergoedingen werden vakantiegeld, bonussen en uitstaande personeelsbelastingen opgenomen.

De overige kortlopende verplichtingen bestaan uit verbintenissen die voor het einde van het jaar verstrijken maar waarvan het exacte bedrag mogelijk nog onbekend is. In 2018 bestonden de overige kortlopende verplichtingen uit opgebouwde kortingen voor verkopen in Canada en Duitsland voor een bedrag van 0,276 miljoen euro en een voorziening voor terugzendingen verkocht in de VS op basis van historische gegevens voor een bedrag van 0,161 miljoen euro, vergeleken met 0,138 miljoen euro in 2017. In 2017 omvatten de overige kortlopende verplichtingen tevens niet-beschikbare banktegoeden voor een bedrag van 10,0 miljoen euro, ontvangen op 22 december 2017 van Novartis Pharma AG voor de kapitaalverhoging die plaatsvond op 5 januari 2018.

5.7.9. Uitgestelde belastingen

Uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot onderstaande posten zijn niet opgenomen omdat het niet waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten beschikbaar zullen zijn waarmee de Groep de overdraagbare verliezen of aftrekbare tijdelijke verschillen kan compenseren. De verliezen die beschikbaar zijn voor compensatie van toekomstige belastbare inkomsten hebben voornamelijk betrekking op België en kunnen voor onbepaalde tijd worden overgedragen.

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017 (*)
Beschikbare verliezen voor compensatie
van toekomstige belastbare inkomsten
254.025 217.951
Notionele intrestaftrek beschikbaar voor
compensatie van toekomstige belastbare
inkomsten
0 5.964
Aftrekbare tijdelijke verschillen 23.793 19.921
Totaal ongebruikte fiscale verliezen en
andere niet-opgenomen aftrekbare
tijdelijke verschillen
277.818 243.836

(*) De cijfers van het jaarverslag van 2017 zijn gecorrigeerd met inachtneming van verliezen, werkelijke beschikbare notionele intrestaftrek en aftrekbare tijdelijke verschillen.

Er wordt geen uitgestelde belastingverplichting opgenomen op de niet-uitgekeerde winsten van dochterondernemingen, aangezien verwacht wordt dat zij in de nabije toekomst geen belasting verschuldigd zijn.

5.7.10. Aandelenkapitaal

ThromboGenics NV werd opgericht op 30 mei 2006 met een kapitaal van 62.000 euro, vertegenwoordigd door 11.124 aandelen.

Op 31 december 2018 bedroeg het maatschappelijk kapitaal 137.563.946,87 euro, vertegenwoordigd door 38.291.950 aandelen.

Op 31 december 2018 had Oxurion NV 38.291.950 gewone aandelen aan toonder zonder vermelding van nominale waarde. Alle aandelen zijn volledig volstort en hebben allen dezelfde rechten.

De bevoegdheden van de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal werden hernieuwd op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 6 juni 2016 voor een periode van vijf jaar vanaf de publicatie van de akte van statutenwijziging in het Belgisch Staatsblad. De Raad van Bestuur is bevoegd om het geplaatste maatschappelijk kapitaal van de vennootschap in één of meerdere malen te verhogen tot een bedrag dat gelijk is aan de huidige waarde van het maatschappelijk kapitaal, namelijk 162.404.449,73 euro, in contanten of in natura of door omzetting van de reserves, overeenkomstig artikel 604 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen. De Raad van Bestuur kan ook overgaan tot de uitgifte van converteerbare obligaties of warrants tegen dezelfde voorwaarden.

AANTAL AANDELEN
31 december 2016 36.094.349
- 0
31 december 2017 36.094.349
Kapitaalverhoging door inbreng in geld 2.177.226
Kapitaalverhoging - uitoefening warrants 20.375
31 december 2018 38.291.950

Op 5 januari 2018 vond een kapitaalverhoging van 9,8 miljoen euro plaats door Novartis Pharma AG, gecombineerd met een uitgiftepremie van 0,2 miljoen euro. Op 22 januari 2018 werden 2.177.226 nieuwe aandelen uitgereikt. De fondsen werden ontvangen op 22 december 2017. Op 1 juni 2018 werden bij besluit van de buitengewone vergadering van aandeelhouders de gecumuleerde verliezen van Oxurion NV geëlimineerd door verlaging van de uitgiftepremies voor een bedrag van 157.864.957,06 euro en een kapitaalvermindering ten bedrage van 24.302.544,14 euro. Op 8 november 2018 vond een kapitaalverhoging plaats waarbij 20.375 warrants werden omgezet door warranthouders. Er werden 20.375 nieuwe aandelen verstrekt waardoor het kapitaal met 78.739,97 euro werd verhoogd. Het totale aantal aandelen bedraagt thans 38.291.950, het totale kapitaal 137.563.946,87 euro.

IN '000 EURO KAPITAAL UITGIFTE
PREMIE
31 december 2016 151.991 157.661
- 0 0
31 december 2017 151.991 157.661
Kapitaalverhoging door inbreng in geld 9.796 204
Kapitaalvermindering -24.302 -157.865
Kapitaalverhoging - uitoefening warrants 79 13
31 december 2018 137.564 13

Het verschil tussen het maatschappelijk kapitaal, zoals hierboven aangegeven, en de rekening kapitaal op de balans, bestaat uit de kosten met betrekking tot de verschillende kapitaaltransacties (voor een totaal van 10,413 miljoen euro), die conform IAS 32.35 in mindering worden gebracht van de opbrengsten van deze kapitaaltransacties.

5.7.11. Overige reserves

IN '000 EURO
31 december 2016 -13.317
Op aandelen gebaseerde betaling 176
Reële-waardeaanpassing 0
31 december 2017 -13.141
Op aandelen gebaseerde betaling 592
Reële-waardeaanpassing -14
31 december 2018 -12.563

Op aandelen gebaseerde betalingsplannen

De Groep heeft verschillende warrantplannen gecreëerd die kunnen worden toegekend aan werknemers, bestuurders, consultants en onderzoeksinstellingen. Sinds de beursnotering worden warrantplannen gecreëerd op het niveau van Oxurion NV.

Eind 2018 waren er 2 uitstaande warrantplannen.

Samenvattend overzicht van alle uitstaande warrants die werden toegekend tussen 2010 en 31 december 2018:

CREATIEDATUM VAN HET PLAN TOEKEN
NINGSDA
TUM
UITOEFENPRIJS
(IN EURO)
BEGUNSTIGDE
Warrantplan België 2014 2015-
2016-2017
Tussen 4,5 en
6,95
Werknemers,
belangrijke
consultants en
bestuurders van
de Groep
Warrantplan België 2017 2017-2018 Tussen 3,38 en
6,55
Werknemers,
belangrijke
consultants en
bestuurders van
de Groep

Warrantplan Oxurion 2014

Op 4 december 2014 werd door de Buitengewone Algemene Vergadering van Oxurion NV beslist tot uitgifte van het warrantplan België 2014. Onder dit warrantplan kunnen maximaal 720.000 warrants worden uitgegeven en toegekend aan werknemers, bestuurders en consultants van de Groep. Elke warrant geeft de houder het recht om in te tekenen op één aandeel van Oxurion NV.

De toekenning van warrants onder dit plan behoort toe aan de Raad van Bestuur of het Remuneratiecomité, behalve voor bestuurders. Die bevoegdheid behoort tot de Algemene Vergadering. De warrants worden kosteloos of tegen betaling aangeboden. De uitoefenprijs is gelijk aan de laagste van (i) het gemiddelde van de slotkoersen van het aandeel op de beurs gedurende de 30 dagen voorafgaand aan het aanbod van een warrant of (ii) de slotkoers van de laatste beursdag die het aanbod voorafgaat. Warrants toegekend in het kader van dit plan hebben een contractuele looptijd van vijf jaar, met een graduele verwerving over drie jaar (25% na 1 jaar, 50% na 2 jaar en 25% na 3 jaar) of over twee jaar (50% na 1 jaar en 50% na 2 jaar), zonder prestatievoorwaarden. De voorwaarden waaronder een warranthouder het recht heeft een warrant uit te oefenen, worden vastgesteld door het Remuneratiecomité.

De reële waarde op de toekenningsdatum van de warrants toegekend in het kader van het Warrantplan 2014 werd bepaald aan de hand van het model van Black & Scholes, rekening houdend met de volgende aannames:

WARRANTPLAN 2014 AANNAMES
Toekenningsdatum Feb/15 Apr/16 Apr/16 Feb/17 Feb/17 Aug/17
Aantal toegekende warrants 384.000 60.000 90.000 73.500 10.000 15.000
Aandelenkoers datum van aanvaarding (in euro) 7,49 3,44 3,44 3,5 3,5 3,2
Uitoefenprijs 6,945 4,5 6,92 4,5 6,92 4,5
Verwacht dividendrendement - - - - - -
Verwachte volatiliteit van de aandelenkoers 40% 40% 40% 40% 40% 40%
Risicovrije rentevoet -0,08% -0,38% -0,38% -0,51% -0,51% -0,50%
Verwachte looptijd 3 3 3 3 3 2
Reële waarde 2,20 0,61 0,26 0,15 0,46 0,34

Warrantplan Oxurion 2017

Op 20 november 2017 werd door de Buitengewone Algemene Vergadering van Oxurion NV beslist tot uitgifte van het warrantplan Oxurion 2017. Onder dit warrantplan kunnen maximaal 1.440.000 warrants worden uitgegeven en toegekend aan werknemers, bestuurders en consultants van de Groep. Elke warrant geeft de houder het recht om in te tekenen op één aandeel van Oxurion NV.

De toekenning van warrants onder dit plan behoort toe aan de Raad van Bestuur of het Remuneratiecomité, behalve voor bestuurders. Die bevoegdheid behoort tot de Algemene Vergadering. De warrants worden kosteloos of tegen betaling aangeboden. De uitoefenprijs is gelijk aan de laagste van (i) het gemiddelde van de slotkoersen van het aandeel op de beurs gedurende de 30 dagen voorafgaand aan het aanbod van een warrant of (ii) de slotkoers van de laatste beursdag die het aanbod voorafgaat. Warrants toegekend in het kader van dit plan hebben een contractuele looptijd van vijf jaar, met een graduele verwerving over drie jaar (50% na 2 jaar en 50% na 3 jaar) zonder prestatievoorwaarden. De voorwaarden waaronder een warranthouder het recht heeft een warrant uit te oefenen, worden vastgesteld door het Remuneratiecomité.

De reële waarde op de toekenningsdatum van de warrants toegekend in het kader van het Warrantplan 2017 werd bepaald aan de hand van het model van Black & Scholes, rekening houdend met de volgende aannames:

WARRANTPLAN 2017 AANNAMES
Toekenningsdatum Dec/17 Dec/17 Jun/18 Dec/18 Dec/18
Aantal toegekende warrants 251.000 150.000 33.500 356.500 150.000
Aandelenkoers datum van aanvaarding (in euro) 3,38 3,38 7,07 3,52 3,52
Uitoefenprijs 3,38 4,593 6,549 3,4 4,593
Verwacht dividendrendement - - - - -
Verwachte volatiliteit van de aandelenkoers 40% 40% 40% 40% 40%
Risicovrije rentevoet -0,51% -0,51% -0,46% -0,38% -0,38%
Verwachte looptijd 10 10 9 9 9
Reële waarde 1,56 1,29 3,33 1,58 1,3

Voor zowel het Warrantplan 2014 als dat van 2017 zijn de aannames bij het bepalen van de reële waarde van de toegekende warrants gebaseerd op de volgende gegevens:

  • De huidige aandelenkoers op de datum van aanvaarding, te weten de slotkoers op de beurs van Euronext Brussel;
  • De verwachte volatiliteit van de aandelenkoers, te weten de historische koersvolatiliteit van het Oxurion-aandeel;
  • De verwachte looptijd, berekend als de geschatte looptijd tot uitoefening, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken van de plannen;
  • De risicovrije rentevoet, gebaseerd op de rentevoeten van de Belgische overheidsobligaties op de toekenningsdatum met een looptijd die gelijk is aan de verwachte levensduur van de warrants.

De Groep heeft ook warrants toegekend aan partijen die geen werknemer zijn van de Groep. Aangezien de verleende diensten zo specifiek van aard zijn, dat de reële waarde niet op betrouwbare wijze kan worden bepaald, heeft Oxurion NV de reële waarde van de ontvangen diensten bepaald op basis van de toegekende warrants.

Bewegingen in het aantal uitstaande warrants en hun betreffende gewogen gemiddelde uitoefenprijs waren als volgt:

2018 2017
GEMIDDELDE UITOE
FENPRIJS IN EUR
WARRANTS GEMIDDELDE UITOE
FENPRIJS IN EUR
WARRANTS
Per 1 jan. 5,10 848.875 6,60 387.500
Toegekend, aanvaard 6,55 33.500 4,01 499.500
Toegekend, nog niet aanvaard 3,75 506.500 0,00 0
Verbeurd 5,09 -45.250 6,02 -38.125
Uitgeoefend 4,50 -20.375 0,00 0
Per 31 dec. 4,63 1.323.250 5,10 848.875

Uitstaande verworven warrants op 31 december 2018 hebben de volgende vroegste uitoefendata, vervaldata en uitoefenprijzen:

Vroegste uitoefendatum VERVALDATUM UITOEFENPRIJS (IN EURO) AANTALLEN (DUIZENDEN)
2019 2019 6,53 330

5.7.12.Pensioenverplichtingen

Oxurion biedt zijn personeel pensioenvoordelen aan die gefinancierd worden via een groepsverzekeringsplan dat beheerd wordt door een verzekeringsfonds. Tot 30 juni 2009 was de groepsverzekering gebaseerd op een toegezegd-pensioensysteem (defined benefit), waarbij de werkgever verplicht was tot het betalen aan zijn werknemer van een specifieke uitkering voor het leven vanaf zijn of haar pensioen. Het bedrag van de uitkering was van tevoren bekend en was meestal gebaseerd op factoren zoals leeftijd, inkomen en aantal dienstjaren. Toegezegd-pensioenregelingen hebben geen bijdragebeperkingen, maar zijn wel beperkt wat de maximale jaarlijkse pensioenuitkering betreft.

Sinds 1 juli 2009 is de toegezegd-pensioenregeling gewijzigd in een pensioenregeling die gestructureerd is als een toegezegde-bijdrageregeling, maar die volgens de IFRS-regels boekhoudkundig als toegezegd-pensioenregeling moet worden behandeld gezien het feit dat de vennootschap de deelnemers een minimumrendement garandeert.

De in de balans opgenomen bedragen kunnen als volgt worden uitgesplitst:

2018 2017
Brutoverplichting uit hoofde van toegezeg
de pensioenrechten
3.933 776
Reële waarde van fondsbeleggingen (3.501) (473)
Nettoverplichting uit hoofde van toegezeg
de pensioenrechten
432 303

De in de balans opgenomen bedragen en de mutaties uit hoofde van pensioenverplichtingen zijn als volgt:

IN '000 EURO CONTANTE
WAARDE VAN
DE VERPLICH
TING
REËLE
WAARDE VAN
FONDSBE
LEGGINGEN
TOTAAL
Op 1 januari 2018 776 (473) 303
Aan het dienstjaar toegerekende
pensioenkosten
340 - 340
Pensioenkosten van verstreken
diensttijd
- - -
Rentelasten/(opbrengsten) 79 (72) 7
Totaal bedrag opgenomen in de
winst- en verliesrekening
420 (72) 347
Herwaarderingen 2.809 -2.680 129
Totaal bedrag opgenomen on
der niet-gerealiseerde resultaten
2.809 -2.680 129
Werkgeversbijdragen - (347) (347)
Werknemersbijdragen 77 (77) -
Betalingen pensioenrechten (39) 39 -
Belastingen op bijdragen (44) 44 -
Verzekeringspremies in verband
met risicodekkingen
(65) 65 -
Op 31 December 2018 3.933 (3.501) 432

De belangrijkste actuariële veronderstellingen die bij de berekening van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten zijn gehanteerd, zijn als volgt:

2018 2017
Disconteringsvoet 2,3% 1,7%
Inflatiegraad 2,0% 2,0%
Salarisverhoging bovenop de
inflatie
1,5% 1,5%
Sterftetabellen MR/FR met leeftijds
correctie van 3 jaar
MR/FR met leeftijds
correctie van 3 jaar

Per 31 december 2019 zullen de verwachte bijdragen aan de toegezegd-pensioenregelingen 0,446 miljoen euro bedragen.

De verwachte uit te keren vergoedingen zijn als volgt:

IN '000 EURO

2019 30
2020 16
2021 222
2022 168
2023 82
2024-2028 840

5.8. Overige toelichtingen bij de geconsolideerde balans

Dochterondernemingen en filialen

NAAM VAN DE DOCHTERONDERNEMING PLAATS VAN OPRICHTING EN
EXPLOITATIE
HOOFDACTIVITEIT
2018 2017
ThromboGenics, Inc. VS 100% 100% Distributeur
Oncurious NV BE 81,67% 81,67% Onderzoek (oncologie)
NAAM VAN HET FILIAAL PLAATS VAN OPRICHTING EN
EXPLOITATIE
HOOFDACTIVITEIT
2018 2017
Iers filiaal IE 100% 100% Geen huidige activiteit

Aan het einde van het jaar 2018 bezit Oxurion NV 4.376 aandelen of 81,67% van de in totaal 5.358 aandelen van Oncurious NV.

Significante overeenkomsten, verbintenissen en voorwaardelijke verplichtingen

De Groep heeft een aantal belangrijke overeenkomsten gesloten met derden. Deze overeenkomsten omvatten in sommige gevallen een plan voor kostendeling voor het project evenals de opsplitsing van eventuele opbrengsten tussen de partijen, om zo de commercialisering van het projectresultaat te kunnen bekostigen.

Hieronder worden enkele van Oxurion's belangrijkste overeenkomsten toegelicht. Een overeenkomst wordt als "materieel" beschouwd wanneer de contractuele verbintenissen betrekking hebben op een bedrag van meer dan 1 miljoen euro of, in het geval van een nieuwe overeenkomst, wanneer een dergelijk effect wordt verwacht in de 12 maanden die volgen op de verslagdatum.

Merk op dat bepaalde overeenkomsten voorzien dat kosten van O&O en/of inkomsten worden gedeeld. Hoewel deze overeenkomsten de oprichting van een gezamenlijk comité omvatten dat toezicht houdt op de gezamenlijke activiteiten, vallen deze overeenkomsten buiten het toepassingsgebied van IFRS 11 ("Gezamenlijke overeenkomsten"), aangezien de vennootschap concludeerde dat er geen gezamenlijke zeggenschap is.

Onderzoeks- en ontwikkelingsovereenkomsten

BioInvent

In september 2004 zijn Oxurion en BioInvent International AB een onderzoeks- en licentieovereenkomst aangegaan om samen onderzoek te voeren en geneesmiddelen te ontwikkelen op basis van antistoffen voor vaataandoeningen (de "overeenkomst van 2004"). TB-403, een gehumaniseerd monoklonaal antilichaam tegen placentaire groeifactor (PlGF), is het enige antilichaam dat ontwikkeld werd onder de overeenkomst van 2004. In 2017 hebben beide partijen de overeenkomst van 2004 vervangen door twee nieuwe overeenkomsten: een onderzoeks- en licentieovereenkomst voor TB-403 (de "TB-403-overeenkomst") en een licentie- en releaseovereenkomst voor THR-317 (de "THR-317-overeenkomst").

In het kader van de TB-403-overeenkomst (die door Oxurion werd toegewezen aan zijn dochteronderneming Oncurious NV, in lijn met de samenwerkingsstrategie om alle oncologische O&O-activiteiten te concentreren binnen Oncurious), ontwikkelen Oncurious en BioInvent momenteel TB-403 voor de mogelijke behandeling van medulloblastoom, de meest voorkomende kwaadaardige hersentumor in de pediatrie, die 20% uitmaakt van alle hersentumoren bij kinderen (het Medulloblastoomproject). Alle kosten en mogelijke inkomsten in het kader van dit programma worden evenredig tussen de partijen verdeeld.

In het kader van de THR-317-overeenkomst heeft Oxurion een exclusief recht en een exclusieve licentie om THR-317 (= TB-403) te gebruiken voor alle mogelijke toepassingen, met uitzondering van oncologische indicaties. Oxurion draagt alle kosten voor de ontwikkeling van THR-317 in niet-oncologische indicaties en Bio-Invent heeft een royalty-belang van 5% in alle netto-omzet of -opbrengsten van THR-317 in niet-oncologische indicaties.

In 2018 werd aan BioInvent voor TB-403 een bedrag van 0,262 miljoen euro betaald. In 2017 bedroeg dit 0,282 miljoen euro. Deze bedragen werden op de winst- en verliesrekening als O&O-uitgaven verantwoord. Tot dusver waren er geen uitgaven voor ontwikkeling die volgens IAS 38 beantwoordden aan de definitie van immateriële activa. Er worden geen inkomsten gegenereerd en er hoeven aan BioInvent bijgevolg geen royalty's te worden betaald.

In 2018 maakte Oxurion voor THR-317 4,8 miljoen euro kosten. In 2017 was dat nog 3,2 miljoen euro. Deze kosten werden uitsluitend gedragen door Oxurion en geboekt als O&O-kosten. Tot dusver waren er geen uitgaven voor ontwikkeling die volgens IAS 38 beantwoordden aan de definitie van immateriële activa. Er worden geen inkomsten gegenereerd en er hoeven aan BioInvent bijgevolg geen royalty's te worden betaald.

Bicycle Therapeutics

In augustus 2013 ging Oxurion een onderzoeks- en licentieovereenkomst aan met Bicycle Therapeutics (de "Bicycle-samenwerkingsovereenkomst"). In het kader van deze overeenkomst is Bicycle verantwoordelijk voor het identificeren van Bicycle-peptiden die gerelateerd zijn aan de samenwerkingsdoelstelling, humaan plasmakallikreïne, voor gebruik bij verschillende indicaties. Oxurion is verantwoordelijk voor de verdere ontwikkeling en commercialisering van het product nadat het onderzoek door Bicycle is uitgevoerd.

De samenwerking omvat twee fasen. Tijdens Fase 1, die intussen is afgerond, was Bicycle verplicht om specifieke onderzoeksactiviteiten te verrichten in overeenstemming met het onderzoeksplan. Deze waren gericht op het screenen van de doelstelling met behulp van het Bicycle-platform om verbindingen te identificeren die voldeden aan de criteria die de partijen hadden gesteld. Tijdens Fase 2, die momenteel loopt, zet Oxurion het onderzoek naar geselecteerde Bicycle-peptiden voort met de bedoeling verbindingen te selecteren voor verdere ontwikkeling en commercialisering. THR-149 is geselecteerd als een ontwikkelingsverbinding in het kader van de Bicycle-samenwerkingsovereenkomst.

Bicycle heeft Oxurion wereldwijd bepaalde intellectuele eigendomsrechten toegekend voor de ontwikkeling, productie en commercialisering van gelicentieerde verbindingen in verband met plasmakallikreïne.

De Bicycle-samenwerkingsovereenkomst voorziet in een vooruitbetaling van 1,0 miljoen euro en mogelijke aanvullende financiering van onderzoek en ontwikkeling, tegen een overeengekomen VTE-tarief, indien de onderzoeksinspanning meer dan één VTE vereist of indien het onderzoeksplan door Oxurion wordt gewijzigd of uitgebreid. Daarnaast is Oxurion verplicht om mijlpaalbetalingen aan Bicycle te doen wanneer bepaalde onderzoeks-, ontwikkelings-, regelgevende en commerciële mijlpalen worden bereikt. Bovendien heeft Bicycle, bij commercialisering van een van de samenwerkingsproducten onder de aan Oxurion verleende licenties, recht op gelaagde royaltybetalingen op basis van een percentage van de netto-omzet. Royaltybetalingen zijn onderworpen aan bepaalde kortingen. Als Oxurion een sublicentie zou verlenen aan een derde partij voor rechten op het programma voor niet-oogheelkundig gebruik, heeft Bicycle bovendien recht op getrapte betalingen op basis van een percentage van de sublicentie-inkomsten met uitzondering van royalty's.

In november 2017 werd de Bicycle-samenwerkingsovereenkomst gewijzigd. De wijziging voorziet in aanvullende onderzoeksdiensten voor de identificatie van extra Bicycle-peptiden die binden met het doelwit (target) van Oxurion en naar diens goeddunken als ontwikkelingsverbindingen worden geselecteerd. Bicycle was verplicht om het werk uit te voeren volgens een gewijzigd onderzoeksplan onder Fase 1 van de samenwerking en ontving daarvoor financiering tegen een bepaald VTE-tarief, plus vergoeding voor eventuele directe onkosten. Oxurion is verantwoordelijk voor het onderzoek van Fase 2 en de eventuele ontwikkeling na de selectie van een ontwikkelingsverbinding. Op 31 december 2018 had Bicycle Fase 1 van het onderzoeksplan afgerond. Er zijn extra mijlpalen toegevoegd voor de mogelijke extra gelicentieerde verbindingen, in overeenstemming met die van de oorspronkelijke Bicycle-samenwerkingsovereenkomst.

In 2018 betaalde Oxurion 0,4 miljoen euro aan Bicycle voor onderzoekskosten. Dit werd geboekt onder O&O-uitgaven. Overeenkomstig hetgeen in IAS 38 ("Immateriële vaste activa") is vastgelegd, verwierf Oxurion geen afzonderlijk immaterieel actiefbestanddeel dat beantwoordt aan de definitie van IAS 38. Deze uitgaven worden bijgevolg geboekt onder de uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling. Tot dusver werden de volgende voorschotten en mijlpaalbetalingen aan Bicycle gedaan: 1,0 miljoen euro in 2013, 0,750 miljoen euro in 2017, en 1,0 miljoen euro in 2018. Al deze betalingen werden geboekt als O&O-kosten.

Parexel

Parexel levert klinische onderzoeksdiensten voor de ontwikkeling van JETREA® als middel tegen diabetische retinopathie. De diensten worden gefactureerd op projectbasis via een bestek van de werkzaamheden (SOW). Hiervoor werd op 1 september 2015 een service-overeenkomst gesloten. De diensten hebben betrekking op de studie die de werking van ocriplasmine evalueert. Oxurion betaalt voorschotten aan Parexel voor alle betalingen die Parexel verschuldigd is aan derden die betrokken zijn bij de studie.

Het product JETREA® werd reeds ontwikkeld door Oxurion en wordt sedert 2013 gecommercialiseerd. Overeenkomstig de regels van IAS 38 ("Immateriële vaste activa") worden de aan Parexel vergoede kosten niet gemaakt om een actiefbestanddeel te verwerven of om de economische voordelen te vergroten die reeds in een actiefbestanddeel zijn vervat. Deze kosten worden bijgevolg, zodra ze worden gemaakt, als O&O-uitgaven geboekt op de resultatenrekening. Vooruitbetalingen vallen ten laste van het actiefbestanddeel waarvoor ze plaatsvinden, en de voorschotten worden geboekt op de resultatenrekening naarmate ze worden betaald. In 2018 en 2017 werd respectievelijk 1,4 miljoen euro en 1,5 miljoen euro betaald aan Parexel en vervolgens geboekt als O&O-uitgaven.

INC Research

INC Research levert klinische onderzoeksdiensten voor de ontwikkeling van THR-317 en THR-687. De diensten worden gefactureerd op projectbasis via een bestek van de werkzaamheden (SOW). Hiervoor werd op 19 augustus 2016 een service-overeenkomst voor klinisch onderzoek en aanverwante diensten gesloten. Overeenkomstig de regels van IAS 38 ("Immateriële vaste activa") worden de aan INC Research vergoede kosten niet gemaakt om een actiefbestanddeel te verwerven of om de economische voordelen te vergroten die reeds in een actiefbestanddeel zijn vervat. Het betreft hier veeleer uitbestede O&O-kosten. Dergelijke kosten worden bijgevolg geboekt op de resultatenrekening naarmate ze worden gemaakt. Vooruitbetalingen vallen ten laste van het actiefbestanddeel waarvoor ze plaatsvinden, en de voorschotten worden geboekt op de resultatenrekening naarmate ze worden betaald. In 2018 en 2017 werd respectievelijk 2,8 miljoen euro en 1,7 miljoen euro betaald aan INC Research en geboekt als O&O-uitgaven. Eind 2018 stond een voorschot op de balans geboekt ten bedrage van 0,9 miljoen euro.

Galapagos

Oxurion ondertekende een wereldwijde en exclusieve licentieovereenkomst met Galapagos voor de ontwikkeling en commercialisering van integrine-antagonisten voor de behandeling van diabetische oogziekten (de "Galapagos-licentieovereenkomst"). Het THR-687-programma is een resultaat van deze overeenkomst.

De licentieovereenkomst geeft Oxurion toegang tot een reeks door Galapagos ontwikkelde integrine-antagonisten die Oxurion verder zal gebruiken in zijn O&O-activiteiten. Oxurion gelooft dat het dankzij de toegang tot deze moleculen, waaronder THR-687 – het meest geavanceerde kandidaat-geneesmiddel – het potentieel heeft om een nieuwe en kleine integrine-antagonistmolecule te ontwikkelen die gebruikt kan worden voor de behandeling van een groot aantal patiënten met diabetische retinopathie, met of zonder diabetisch macula-oedeem. Oxurion verkreeg onder deze overeenkomst de exclusieve rechten voor de klinische ontwikkeling, productie en commercialisering. Galapagos heeft dan weer het recht op een niet-terugbetaalbare voorschotvergoeding voor technologietoegang, op mijlpaalbetalingen voor de ontwikkeling en stapsgewijze mijlpaalbetalingen op basis van de verkoop, en op marktconforme verkooproyalty's gedurende een periode van tien jaar vanaf de eerste verkoop.

In september 2017 zijn de partijen een wijziging van de Galapagos-licentieovereenkomst aangegaan. Volgens deze wijziging heeft Oxurion de vervolging en instandhouding van de gelicentieerde octrooien overgenomen en daarmee alle rechten op de gelicentieerde octrooien met ingang van 25 september 2017 verworven. Oxurion heeft het recht om de gedocumenteerde en redelijke kosten voor vervolging en onderhoud van de gelicentieerde octrooien in mindering te brengen op de royalty's die aan Galapagos verschuldigd en verschuldigd zijn onder de Galapagos-licentieovereenkomst.

Oxurion betaalde Galapagos in april 2016 een voorschotvergoeding van 1,0 miljoen euro nadat Galapagos de gelicentieerde verbinding aan Oxurion had geleverd, evenals alle gegevens en productieknowhow met betrekking tot de gelicentieerde verbindingen. Deze vergoeding werd geactiveerd als immaterieel actiefbestanddeel aangezien ze voldoet aan de voorwaarden van een afzonderlijk verworven immaterieel actiefbestanddeel van IAS 38, par. 25. Galapagos heeft geen verdere prestatieverplichtingen voor ontwikkelingsdiensten nadat de licentie is verleend. Aangezien het niet tot een commercialisering kwam en er geen winst werd gegenereerd, werd tot op heden geen afschrijving geboekt. Tot dusver werden geen andere voorschotten betaald aan Galapagos.

De toekomstige mijlpalen dienen te worden beoordeeld om te bepalen of ze voldoen aan de activeringscriteria opgenomen in IAS 38, eenmaal ze zijn betaald. Zie het hoofdstuk over het boekhoudbeleid inzake immateriële activa voor meer details.

Intellectueel eigendom en royalty-overeenkomsten

Grifols, Inc.

In februari 2012 ondertekende Oxurion een licentieovereenkomst met Grifols. Deze overeenkomst versterkt in aanzienlijke mate de exclusieve wereldwijde rechten van Oxurion met betrekking tot het gebruik van plasmine en afgeleide producten voor de behandeling van oogziekten. De vergoeding die aan Grifols moet worden betaald, bestaat uit afwikkelingsbetalingen ten bedrage van 3 à 4 miljoen USD, mijlpaalbetalingen verschuldigd na goedkeuring door de regelgevende instanties in Europa en de VS ten bedrage van in totaal 10,0 miljoen USD, en een royalty van 2% op de nettoverkopen. Royalty's zijn verschuldigd tot ofwel het betalingsplafond is bereikt ofwel de licentierechten vervallen. Schikkings- en mijlpaalbetalingen moeten worden gecrediteerd in functie van het betalingsplafond en verrekeningen met eventuele royalty's mogen dat berekende bedrag niet overschrijden.

Tot heden betaalde Oxurion in totaal 13,0 miljoen USD aan Grifols in de periode 2012-2013. Bij de ondertekening van de overeenkomst legden Oxurion en Grifols de prijs vast van de te verkrijgen licentie en werd bepaald dat de betaling via een voorschot en een mijlpaalbetaling zal plaatsvinden. Beide vonden plaats in een periode die iets meer dan een jaar bestreek. Het voorschot en de mijlpaalbetalingen hebben de verwerving van een licentie tot doel, die een afzonderlijk verworven immaterieel actiefbestanddeel vormt. Het betreft een licentie op intellectuele eigendom die conform paragraaf 25 van IAS 38 geactiveerd wordt. Grifols heeft geen verdere prestatieverplichtingen voor ontwikkelingsdiensten. Het immaterieel actiefbestanddeel wordt geboekt op basis van de bedragen die zijn betaald om een actief te verwerven, te weten de voorschot- en de mijlpaalbetalingen.

De mijlpaalbetalingen kunnen alleen worden geactiveerd als ze voldoen aan de criteria voor boeking van een intern gegenereerd immaterieel actiefbestanddeel. Dit is het voorwerp van eigen beoordeling aangezien ter zake geen IFRS-richtlijnen bestaan. Feiten en omstandigheden dienen hier zorgvuldig te worden afgewogen. Daarom evalueerde Oxurion voor elke betaling aan een derde partij in verband met de ontwikkeling van een potentieel kandidaat-geneesmiddel de activeringscriteria van IAS 38, en kwam het tot de conclusie dat zowel de voorschotten als de mijlpaalbetalingen voor de verkregen licentie moeten worden geactiveerd.

Het actief wordt afgeschreven aan 8,47% of over een periode van 11,8 jaar. Deze periode werd bepaald op basis van de geldigheidsduur van het octrooi dat JETREA® beschermt in de VS, een regio waarvoor dit product is voorzien. Het octrooi loopt tot 30 oktober 2024. Met de boeking van de afschrijving werd gestart zodra JETREA® op de markt kwam.

Eind 2018 en 2017 bedroeg de nettoboekwaarde van de licentietechnologieën van Grifols (hun intellectuele eigendom) respectievelijk 5,0 miljoen euro en 5,8 miljoen euro.

NuVue

In 2004 sloten Oxurion en NuVue een licentie- en samenwerkingsovereenkomst voor de ontwikkeling van op plasmine gebaseerde producten. In 2012 ondertekende Oxurion met NuVue een schikkingsovereenkomst op basis waarvan Oxurion de volledige intellectuele eigendomsportefeuille van NuVue op dit gebied overnam voor een bedrag van 16,0 miljoen USD (12,0 miljoen euro). Door deze overeenkomst zijn alle toekomstige financiële verplichtingen die uit het oorspronkelijke contract voortvloeiden, komen te vervallen. Deze licentie op intellectuele eigendom werd gebruikt voor de ontwikkeling van JETREA®.

De betaling wordt gedaan voor de verwerving van een IE-licentie die een afzonderlijk verworven immaterieel actiefbestanddeel vertegenwoordigt, dat conform paragraaf 25 van IAS 38 geactiveerd wordt. NuVue heeft geen verdere prestatieverplichtingen voor ontwikkelingsdiensten. Het actief wordt afgeschreven aan 8,47% of voor een periode van 11,8 jaar, volgens dezelfde logica als de Grifols-licentie.

Eind 2018 en eind 2017 bedroeg de nettoboekwaarde van de IE-licentie van NuVue respectievelijk 6,0 miljoen euro en 7,0 miljoen euro.

Life Sciences Research Partners VZW (LSRP)

Op grond van een overeenkomst tussen het voormalige Thromb-X NV en het voormalige DCRF VZW van 1 juni 2000, gewijzigd op 27 maart 2012, is Oxurion NV ertoe verplicht om aan LSRP royalty's te betalen op de nettoverkopen van JETREA® als gevolg van gelicentieerde octrooirechten die eigendom zijn van LSRP. In 2018 en 2017 boekte Oxurion respectievelijk 0,054 miljoen euro en 0,064 miljoen euro aan royalty's betaald aan LSRP. Deze werden geboekt als verkoopkosten.

De betaling van royalty's heeft geen verwerving van een actiefbestanddeel conform IAS 38 tot doel. De royalty's dienen als zodanig op de resultatenrekening te worden geboekt. Het is gangbaar in de sector om dergelijke betalingen als verkoopkosten te kwalificeren aangezien ze ten behoeve van de gegenereerde verkopen worden gemaakt.

Research Corporation Technologies, Inc. (RCT)

In december 2000 gingen Research Corporation Technologies, Inc. en Oxurion een licentieovereenkomst aan waarbij Oxurion een licentie verkreeg op de Pichia-gistexpressietechnologie voor een vroege stap in het productieproces van ocriplasmine. Oxurion heeft een contractuele royalty-verplichting aan RCT van 2% op de nettoverkoop van JETREA®. In 2018 en 2017 boekte Oxurion respectievelijk 0,099 miljoen euro en 0,172 miljoen euro aan royalty's, betaald aan RCT. Deze werden geboekt als verkoopkosten.

De betaling van royalty's heeft geen verwerving van een actiefbestanddeel conform IAS 38 tot doel. De royalty's dienen als zodanig op de resultatenrekening te worden geboekt. Het is gangbaar in de sector om dergelijke betalingen als verkoopkosten te kwalificeren aangezien ze ten behoeve van de gegenereerde verkopen worden gemaakt.

Beta Therapeutics

Op 5 november 2018 ging Oxurion een strategische onderzoekssamenwerking aan met Beta Therapeutics Pty Ltd (Canberra, Australië) om nieuwe heparanaseremmers te ontwikkelen voor de behandeling van netvliesaandoeningen die grotendeels onbehandeld bleven, zoals droge leeftijdsgebonden maculadegeneratie. Volgens de voorwaarden van de overeenkomst heeft Oxurion een exclusieve optie om een licentie te nemen in het kader van het heparanaseremmerprogramma.

In december 2018 ontving Beta Therapeutics van Oxurion een voorschot van 0,250 miljoen euro, dat als O&O-uitgave werd geboekt.

Verder heeft Oxurion het recht om de licentie-optie uit te oefenen tegen mijlpaalbetalingen op basis van regelgevingsgebonden, commerciële en ontwikkelingscriteria, evenals een recht op royalty's op de nettoverkopen van producten ontwikkeld in het kader van het partnerschap. Deze transacties hebben nog niet plaatsgevonden.

Handelsovereenkomsten

Fujifilm Diosynth Biotechnologies UK, Limited

In september 2010 tekende Oxurion een langetermijnovereenkomst met Fujifilm voor de productie en levering van de werkzame stof in JETREA® (ocriplasmine) voor commerciële doeleinden en klinische studies. Fujifilm levert sinds 2007 ocriplasmine aan Oxurion en in 2015 werd de productie- en leveringsovereenkomst aangepast met een 'Side Letter'-overeenkomst, waarin een aantal contractuele bepalingen werden verduidelijkt.

Oxurion plaatst één keer per jaar een bindend order bij Fujifilm. Fujifilm produceert de stof vervolgens in loten en levert deze af fabriek, waarbij de risico's bij levering aan Patheon overgaan op Oxurion. Oxurion heeft een productieovereenkomst met Patheon, dat het eindproduct voor JETREA® produceert op basis van de farmaceutische stof die Fujifilm produceert en levert.

Voorraden die door Fujifilm worden geproduceerd, worden geboekt als bestellingen in uitvoering en gewaardeerd tegen de standaardkostprijs die eenmaal per jaar door Oxurion wordt vastgelegd. De werkelijk gefactureerde kosten worden rechtstreeks geboekt als verkoopkosten. Alle verschillen tussen standaard- en werkelijke kosten worden op elke verslagdatum geboekt onder bestellingen in uitvoering. Dit maakt deel uit van de standaardprocedure inzake voorraadbeheer. Op elke verslagdatum wordt tevens de netto realiseerbare waarde berekend. Alle voorschotten die aan Fujifilm worden betaald voor goederen waarvan de productie nog niet is voltooid, worden als voorschotten geboekt onder voorraden.

Patheon

Patheon is in het kader van een productie- en leveringsovereenkomst de eindfabrikant van JETREA® voor commerciële doeleinden. Het eindproduct is, zoals hierboven beschreven, gebaseerd op de farmaceutische stof geproduceerd door Fujifilm. Patheon produceert en levert het farmaceutische eindproduct JETREA® in glazen flacons aan de distributeurs die door Oxurion worden ingeschakeld (Alcon/Novartis, Eumedica, ICare, enz.). Voor de Amerikaanse markt staat Patheon ook in voor de etikettering, verpakking en voorbereiding voor bevroren verzending. In december 2015 beëindigde Patheon de productie- en leveringsovereenkomst met ingang van 31 december 2017. Op 18 oktober 2016 sloten de vennootschap en Patheon een nieuwe productie- en leveringsovereenkomst op grond waarvan Patheon het commerciële product JETREA® zal blijven produceren. De nieuwe overeenkomst voorziet in dezelfde voorwaarden met slechts één verschil, dat betrekking heeft op de jaarlijkse minimumbestellingen.

De door Patheon geproduceerde voorraad wordt geregistreerd als afgewerkt product en gewaardeerd tegen standaardkostprijs, die eenmaal per jaar door Oxurion wordt bepaald. De werkelijk gefactureerde kosten worden rechtstreeks geboekt als verkoopkosten. Alle verschillen tussen standaard- en werkelijke kosten worden op elke verslagdatum geboekt onder afgewerkte producten. Dat maakt deel uit van de standaardprocedure inzake voorraadbeheer. Op elke verslagdatum wordt tevens de netto realiseerbare waarde berekend.

Licentie-, ontwikkelings- en commerciële overeenkomsten

Alcon/Novartis

INITIËLE OVEREENKOMST (2012 - SEPTEMBER 2017)

In maart 2012 sloot Oxurion een strategische licentieovereenkomst ter waarde van 375 miljoen euro met Alcon/Novartis, een wereldwijd toonaangevende onderneming in de oogzorg. Op grond van de overeenkomst had Alcon/Novartis het recht en de plicht JETREA® buiten de VS te registreren, ontwikkelen en commercialiseren. Bij de afsluiting van de licentieovereenkomst ontving Oxurion een voorafbetaling van 75,0 miljoen euro. Toen het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) de eerste goedkeuring verleende voor JETREA® en het geneesmiddel voor het eerst werd verkocht in het eerste land van de EU-6, ontving de vennootschap verdere mijlpaalbetalingen van Alcon/Novartis voor in totaal 90,0 miljoen euro. De overeenkomst voorzag ook in bijkomende verkoopmijlpalen en royalty's op de nettoverkopen. Overeenkomstig IAS 18 ("Opbrengsten") werd voor de opbrengsten het volgende beleid toegepast:

  • Voorschotten werden op het moment van betaling geboekt als licentieopbrengsten, aangezien ze betrekking hebben op een gebruiksrecht verstrekt aan Alcon/Novartis. De verkoop van de licentie werd volledig afgerond met de overdracht van de licentie aan Alcon/Novartis in maart 2012. Vanaf dat moment had Alcon/Novartis de risico's en het opbrengstpotentieel van het gebruik van de licentie in eigen handen. Er waren geen bijkomende verplichtingen voor Oxurion in verband met de overdracht van de licentie of andere diensten na ontvangst van de betaling.
  • De mijlpalen met betrekking tot de goedkeuring door de regulator bleven onzeker tot de goedkeuring uiteindelijk werd verkregen. De mijlpaal werd geboekt als opbrengst zodra de goedkeuring van de regelgevende instanties was verkregen. Er waren geen lopende verplichtingen voor Oxurion in verband met de overdracht van de licentie of andere diensten na ontvangst van deze mijlpaalbetalingen.
  • De verkoopmijlpaal werd niet geboekt als opbrengst aangezien de verkoopdoelstellingen niet werden gehaald.
  • Opbrengsten uit de verkoop van gecommercialiseerde producten werden bij levering aan Alcon/Novartis geboekt als opbrengsten, aangezien Oxurion hiermee ook de belangrijke risico's en het opbrengstpotentieel aan Alcon/ Novartis overdroeg.
  • Inkomsten uit royalty's werden geboekt als opbrengsten op het moment dat de onderliggende verkopen door Alcon/ Novartis werden gerealiseerd, aangezien het onwaarschijnlijk was dat de verwachte instroom en de betrouwbare waarderingscriteria gerealiseerd zouden worden voor de verkopen plaatsvonden.

Tot de schikkingsdatum vonden in het kader van deze oorspronkelijke overeenkomst in 2017 door Oxurion geen verkopen plaats van flacons aan Alcon/Novartis. De daaropvolgende verkopen vonden plaats in het kader van de nieuwe overeenkomst van winstoverdracht, waarvan de voorwaarden hieronder nader worden toegelicht.

SCHIKKINGSOVEREENKOMST (SEPTEMBER 2017)

Sinds januari 2015 was de vennootschap betrokken bij een geschil met Alcon/Novartis betreffende de op grond van de licentieovereenkomst door Alcon/Novartis te betalen kosten voor het geneesmiddel JETREA®. Op 15 september 2017 sloten de partijen een contractuele overeenkomst waarin dit geschil werd beslecht: de licentieovereenkomst werd beëindigd en Oxurion verwierf opnieuw de volledige wereldwijde rechten op JETREA®. Volgens de bepalingen van deze schikkingsovereenkomst zullen Alcon/Novartis nauw samenwerken met Oxurion om de continuïteit van en de toegang tot JETREA® voor huidige en toekomstige klanten gedurende een overgangsperiode van maximaal twee jaar veilig te stellen. Als schikking ontving Oxurion van Novartis Pharma AG een contant bedrag van 53,7 miljoen euro en een investering van 10,0 miljoen euro in het kapitaal van Oxurion. De kapitaalverhoging vond plaats tegen de marktprijs van de aandelen. De afwikkeling in contanten ten bedrage van 53,7 miljoen euro heeft betrekking op:

  • een bedrag van 3,2 miljoen euro als compensatie voor historische aanpassingen van de aankoopprijs, geboekt als opbrengst in 2017.
  • een bedrag van 4,5 miljoen euro voor tussenkomst bij verouderde geneesmiddelen, geboekt als overige inkomsten aangezien dit een compensatie was voor historische verouderde voorraden. De verdeling van deze kosten werd overeengekomen tijdens de schikkingsonderhandelingen.
  • een bedrag van 45,0 miljoen euro als compensatie voor de beëindiging van de JETREA®-overeenkomst voor de commercialisatie buiten de VS, geboekt onder overige inkomsten.

Al deze betalingen zijn niet terugbetaalbaar aangezien ze verband houden met een compensatie voor gebeurtenissen in het verleden, en er zijn geen prestatieverplichtingen voor Oxurion met betrekking tot deze betalingen. Deze schikkingsovereenkomst vervangt de oorspronkelijke licentie- en distributieovereenkomst die in maart 2012 werd ondertekend. Vanaf de datum van de schikkingsovereenkomst in september 2017 waren er voor geen enkele partij nog prestatieverplichtingen onder de voorwaarden van de oorspronkelijke licentie- en distributieovereenkomst. Deze schikkingsovereenkomst moet bijgevolg als een juridisch eindpunt worden beschouwd. De opbrengsten werden volledig geboekt in 2017.

UITFASERINGSPERIODE 1 (SEPTEMBER 2017 - MAART 2019)

De periode van Fase 1 wordt gedefinieerd als de periode die loopt van 15 september 2017 tot 15 maart 2019, of eerder, waarin Alcon/ Novartis het product nog steeds zal distribueren in twaalf Europese landen, alsook in Australië/Nieuw-Zeeland, Zwitserland en Canada, maar dan onder de nieuwe voorwaarden. Alcon/Novartis zal hiervoor een behandelingsvergoeding van 9% ontvangen evenals een leveringsprijs van 129,88 euro/flacon, contractueel gedefinieerd als een mechanisme van winstoverdracht. Aan het einde van de nieuwe termijn zal Alcon/Novartis de marketing- en distributierechten weer overdragen aan Oxurion, evenals de resterende voorraad tegen de aankoopprijs na aftrek van eventuele kortingen. Vanaf de levering van de producten aan Alcon/Novartis draagt Alcon/Novartis het voorraadrisico. Er worden geen royalty's in rekening gebracht, aangezien deze zijn vervangen door het mechanisme van winstoverdracht.

Op basis van IFRS 15 is er slechts één prestatieverplichting voor Oxurion, namelijk de levering van het product aan Alcon/Novartis voor verdere distributie aan de eindklanten. De opbrengsten worden geboekt zodra aan de prestatieverplichting is voldaan, en meer bepaald bij de levering aan Alcon/Novartis, d.w.z. wanneer Alcon/Novartis de controle verwerft. Een recht op teruggave is geen afzonderlijke prestatieverplichting, maar is van invloed op de geschatte transactieprijs voor overgedragen goederen. Opbrengsten worden alleen geboekt voor goederen waarvan wordt verwacht dat ze niet worden teruggestuurd. Hiertoe dient Oxurion op basis van historische informatie en andere relevante indicaties te beoordelen of de verkoop een minimumniveau bereikt waarvoor mag worden aangenomen dat er geen significante ommekeer in de gecumuleerde opbrengsten zal plaatsvinden, aangezien voor deze verkopen opbrengsten moeten worden geboekt. Eind 2018 bevonden zich geen landen meer in Fase 1.

UITFASERINGSPERIODE 2 (MAART 2019 - SEPTEMBER 2019)

De periode van Fase 2 wordt gedefinieerd als een korte overgangsperiode van ongeveer 15 maart 2019 tot 15 september 2019, of eerder. In deze periode gelden nieuwe voorwaarden waarbij Oxurion het product naar Alcon/Novartis verzendt, het product de eigendom van Oxurion blijft, en Alcon/Novartis voor rekening van Oxurion verpakkingsdiensten verleent en het product aan de eindklanten distribueert. Alcon/Novartis ontvangt alleen de verpakkingsvergoeding.

Onder IFRS 15 zal Oxurion slechts één prestatieverplichting hebben, te weten de levering van het product aan de eindklant (via Alcon/ Novartis). De opbrengsten zullen worden geboekt op het tijdstip van levering aan de eindklant, wanneer de eindklant de controle verwerft.

Eind 2018 bevond één land, Australië, zich nog in Fase 2.

PERIODE NA ALCON/NOVARTIS

Na afloop van Fase 2 zal Oxurion de producten distribueren naar eindklanten buiten de VS door gebruik te maken van nieuwe distributeurs, zoals Eumedica, ICare en andere. Eind 2018 was dit reeds het geval voor Duitsland, Oostenrijk, het Verenigd Koninkrijk, Ierland, België, Luxemburg, Portugal, Italië, Spanje, Zwitserland, Griekenland en Canada. Zie hieronder voor meer informatie over de afspraken met deze distributeurs.

Eind 2018 hield de Groep rekening met alle voorraden bij Alcon/ Novartis of door Alcon/Novartis geleverd aan de nieuwe distributeurs, en of dergelijke voorraden door Alcon/Novartis kunnen worden teruggestuurd op basis van de voorwaarden van Fase 1 of Fase 2. Een voorziening voor terugzendingen werd geboekt ten belope van 0,191 miljoen euro voor alle voorraden van Alcon/Novartis waarvoor een terugkoop en/of vernietiging wordt verwacht. De schatting is gebaseerd op de methode van de verwachte waarde.

EUMEDICA

In juni 2018 ondertekenden Oxurion en Eumedica een commerciële overeenkomst waarbij Eumedica de distributie van JETREA® gaat verzorgen. Eumedica zal optreden als agent van Oxurion, aangezien Oxurion een primaire verantwoordelijkheid draagt voor de productkwaliteit, het voorraadrisico en de prijsvorming. De regeling heeft de kenmerken van een consignatieovereenkomst waarbij Eumedica geen zeggenschap heeft over het product en Oxurion het gebruik ervan kan sturen en om terugzending kan verzoeken. Eumedica zal de betalingen voor Oxurion innen bij de eindklanten. Eumedica zal een maandelijkse distributievergoeding in rekening brengen voor de geleverde diensten: klantenservice, kosten voor het voorbereiden van de verzending, verpakking, opslag, etikettering en herverpakking, administratie, vernietiging en afvalverwerking, enz.

Onder IFRS 15 zal Oxurion slechts één prestatieverplichting hebben, te weten de levering van het product aan de eindklant. Aan deze prestatieverplichting wordt voldaan wanneer Eumedica het product overdraagt (levert) aan de eindklant, aangezien dit het moment is waarop de klant de controle over het product verkrijgt. Daarom worden de opbrengsten geboekt bij levering aan de eindklant en ten bedrage van de prijs van het product. Hoewel de voorraden zich bij Eumedica bevinden, worden ze overeenkomstig de consignatievoorwaarden opgenomen als voorraden van Oxurion. De vergoedingen aan Eumedica worden deels geboekt als distributiekosten en deels als verkoopkosten, aangezien ze maandelijks in rekening worden gebracht. Voor 2018 betaalde Oxurion 0,032 miljoen euro aan distributiekosten en 0,211 miljoen euro aan verkoopkosten, en ontving de vennootschap 0,805 miljoen euro aan opbrengsten voor het beperkte aantal markten dat door Eumedica wordt bediend.

ICARE PHARMA DISTRIBUTORS PTY LTD (ICARE)

In juni 2018 ondertekenden Oxurion en ICare een overeenkomst waarbij ICare de licentie van Oxurion verkreeg om JETREA® in Nieuw-Zeeland en Australië op de markt te brengen, te promoten en te verkopen. ICare draagt alle kosten van de commercialisering. JETREA® is nog niet geregistreerd in Nieuw-Zeeland. Alle kosten van registratie worden gedragen door ICare. Het contract werd van kracht op 1 juli 2018, toen de bestaande marktgoedkeuring voor Australië door Novartis werd overgedragen aan ICare.

Oxurion levert het product aan ICare volgens DDP incoterms en ICare draagt het voorraadrisico vanaf het moment van ontvangst van het product. ICare koopt het product tegen de overeengekomen aankoopprijs en betaalt ook royalty's aan Oxurion op basis van een vaste prijs per flacon die Oxurion aan ICare verkoopt. ICare zal de eindklant factureren en eventuele overheidskortingen en terugzendingen afhandelen. ICare treedt bij deze regeling op als opdrachtgever.

Onder IFRS 15 zal Oxurion slechts één prestatieverplichting hebben, te weten de levering van het product aan distributeur ICare. Aan deze prestatieverplichting wordt voldaan wanneer Oxurion het product overdraagt (levert) aan ICare, aangezien dit het moment is waarop ICare de controle over het product verkrijgt. Daarom worden de opbrengsten geboekt bij levering aan ICare en ten bedrage van de prijs van het product. Royalty-opbrengsten worden elk kwartaal geboekt op basis van rapporten van ICare over de verkopen aan eindklanten.

De distributievergoedingen van ICare worden geboekt als verkoopkosten, aangezien deze maandelijks in rekening worden gebracht.

VERKOOP IN DE VS – LOGISTIEK- EN DISTRIBUTIEOVEREENKOMSTEN MET ICS, BESSE, MCKESSON EN WALGREENS

Oxurion schakelde ICS in als logistieke dienstverlener voor de Amerikaanse markt. ICS staat in voor het magazijnbeheer, voor marketing en voor diensten van contractbeheer. JETREA® -producten worden verzonden vanaf de productielocatie van Patheon naar ICS in de VS, waar de producten in consignatie worden opgeslagen. ICS ontvangt voor deze diensten een maandelijkse vergoeding. Oxurion engageerde drie distributeurs voor de Amerikaanse markt: Besse, McKesson en Walgreens, die het product distribueren naar de eindklant. Deze distributeurs krijgen hiervoor een distributievergoeding en treden op als agent van Oxurion. Oxurion heeft slechts één prestatieverplichting, te weten de levering van het product aan de eindklant. Daarom worden de opbrengsten geboekt bij levering aan de eindklant. Op elke verslagdatum wordt op basis van de methode van de verwachte waarde een voorziening voor terugzendingen geboekt.

Academische overeenkomsten

De vennootschap heeft overeenkomsten gesloten met verschillende academische instellingen die geïnteresseerd zijn in de studie van de kandidaat-geneesmiddelen, met inbegrip van:

Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB)

De vennootschap heeft overeenkomsten gesloten met het Vesalius Onderzoekscentrum (het vroegere Centrum voor Transgene Technologie en Gentherapie), een afdeling van het VIB, op basis van de preklinische onderzoeksresultaten van twee van de programma's die in licentie zijn van dit instituut, namelijk anti-PlGF en PlGF.

In september 2017 sloten Oncurious NV, een dochteronderneming van Oxurion NV, en VIB een onderzoeks- en licentieovereenkomst op grond waarvan Oncurious exclusieve licenties verwierf op een portfolio van vijf unieke immuno-oncologische middelen van de nieuwe generatie, die voortvloeien uit de baanbrekende werkzaamheden die werden verricht in het labo van Massimilano Mazzone (VIB-KULeuven) en van Jo Van Ginderachter (VIB-VUB).

Op 12 december 2017 deed VIB een inbreng in natura in het maatschappelijke kapitaal van Oncurious door inbreng van een actiefbestanddeel, te weten een IE-licentie. Om deze op aandelen gebaseerde transactie conform IFRS 2 verder te verantwoorden, diende Oncurious het ontvangen actiefbestanddeel (de licentie) evenals de bijhorende stijging van het eigen vermogen te waarderen, en wel rechtstreeks tegen de reële waarde van de ontvangen goederen, tenzij die reële waarde niet op betrouwbare wijze kon worden geschat. De reële waarde van de inbreng in natura werd bepaald op 0,857 miljoen euro (zijnde 857 aandelen), wat de reële waarde van de overgedragen IE-licentie vertegenwoordigt, zoals bepaald in een onafhankelijk waarderingsverslag. De inbreng in natura werd geactiveerd conform paragraaf 25 van IAS 38. Daartegenover stond een boeking van de toename van het eigen vermogen. VIB had reeds 125 aandelen in Oncurious. Na de inbreng werd het aantal aandelen verhoogd tot 982, wat neerkomt op een participatie van 18,33% in Oncurious. De resterende 4.376 aandelen zijn eigendom van Oxurion, dat 81,67% van de aandelen bezit.

Als een Proof-of-Concept wordt bereikt, heeft VIB de mogelijkheid om zijn participatie in Oncurious te verhogen tot maximaal 30%. Het contract voorziet bovendien in royalty's zodra de verkoop is gerealiseerd.

Eind 2018 en eind 2017 bedroeg de nettoboekwaarde van de IE-licentie van VIB 0,982 miljoen euro, aangezien er nog geen afschrijvingen werden geboekt. In 2018 en 2017 betaalde Oxurion aan VIB respectievelijk 0,398 miljoen euro en 0,106 miljoen euro aan O&O-kosten in verband met dit onderzoeksprogramma.

De Groep als leasingnemer in operationele leases

Op balansdatum had de Groep uitstaande verplichtingen voor toekomstige minimale leasebetalingen, die verschuldigd zijn als volgt:

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
Minder dan één jaar 507 504
Meer dan één jaar maar minder dan 5
jaar
156 37
Totaal 663 541

Sinds januari 2009 zijn alle huidige onderzoekslaboratoria gevestigd in het gebouw Bio-Incubator, gelegen aan de Gaston Geenslaan 1 te 3001 Leuven. Met Bio-Incubator NV werd een operationele leaseovereenkomst gesloten op 1 juli 2008. Op 1 oktober 2013 werd een nieuwe operationele leaseovereenkomst gesloten voor het gebruik van bijkomende kantoren (Bio-Incubator II). Tevens werd de oorspronkelijke overeenkomst (Bio-Incubator I) vervangen. Deze overeenkomsten gingen in op 13 augustus 2012 voor een periode van 3 jaar en houden een jaarlijkse verbintenis in van 0,627 miljoen euro. Ze kunnen mits wederzijdse instemming verlengd worden tot een periode van maximaal 7 jaar. Vanaf het vierde jaar wordt de overeenkomst stilzwijgend verlengd voor telkens een periode van één jaar.

Oxurion NV Irish Branch is momenteel gevestigd in Dublin (Ierland) en heeft een operationele leaseovereenkomst voor een gebouw die inging op 15 september 2014. Deze leaseovereenkomst is hernieuwd en kan beëindigd worden mits een opzegtermijn van drie maanden.

Op 29 januari 2018 sloot ThromboGenics, Inc. een nieuwe operationele leaseovereenkomst af voor een gebouw, waaraan een bedrag van 0,127 miljoen USD (ongeveer 0,114 miljoen euro) was verbonden voor een periode van minder dan één jaar en een verbintenis van 0,184 miljoen USD (ongeveer 0,156 miljoen euro) tot 31 mei 2021.

Overige verbintenissen

Onderzoeks- en ontwikkelingsverbintenissen

Op 31 december 2018 had de Groep verbintenissen uitstaan in het kader van onderzoeks- en ontwikkelingsovereenkomsten ten belope van 7,730 miljoen euro (tegenover 8,764 miljoen euro in 2017), betaalbaar in de loop van de volgende 12 maanden aan verschillende onderzoekspartners.

Voorwaardelijke verplichting

De kosten die gemaakt werden in het kader van verschillende onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma's van de Groep werden gedeeltelijk terugbetaald door het VLAIO, voorheen bekend als het IWT, in de vorm van een overheidssubsidie. In contracten met het VLAIO zit over het algemeen een clausule vervat die de behoefte bepaalt om de projectresultaten te valideren, alvorens de subsidie effectief wordt toegekend. Als deze validatie niet plaatsvindt, heeft het VLAIO het recht om de voorheen toegekende fondsen terug te vorderen. De Oxurion NV Groep is van mening dat de kans dat dit gebeurt gering is. Zie het boekhoudbeleid beschreven in punt 5.5.3 en de logica die wordt toegepast bij de boeking van inkomsten uit subsidies in de loop van het project. Het totale bedrag dat in 2018 als overheidssubsidie van het VLAIO werd ontvangen, bedroeg 0,081 miljoen euro. In 2017 was dit 0,271 miljoen euro.

Op 12 december 2017 kende Oxurion NV aan Oncurious een lening toe voor de verdere ontwikkeling en commercialisering van TB-403, voor een bedrag van 2,103 miljoen euro. Eind 2018 was een bedrag van 1,0 miljoen euro toegekend.

Verbonden partijen

Behalve het key management-personeel (zie toelichting 4.6) zijn er geen andere verbonden partijen bekend.

Gebeurtenissen na afsluiting boekjaar

Tot op heden zijn er geen gebeurtenissen na het einde van het boekjaar 2018 gekend die een impact hebben op de jaarrekening van 2018.

Gedaan op 7 maart 2019, Namens de Raad van Bestuur

6. Verslag van de commissaris aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van de vennootschap op 31 december 2018

In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Oxurion NV (de "vennootschap") en haar filialen (samen "de Groep"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de controle van de geconsolideerde jaarrekening alsook het verslag betreffende de overige door weten regelgeving gestelde rapporteringsvereisten in hoofde van de commissaris. Deze verslagen zijn één en ondeelbaar.

Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 3 mei 2016, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan, uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2018. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van de vennootschap Oxurion NV uitgevoerd gedurende negen opeenvolgende boekjaren.

Verslag over de controle van de geconsolideerde jaarrekening

Oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep, die het geconsolideerd overzicht van de financiële positie op 31 december 2018 omvat, alsook het geconsolideerd overzicht van winst of verlies en niet-gerealiseerde resultaten , het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum en de toelichting, met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing, waarvan het totaal van het geconsolideerd overzicht van de financiële positie 114.864 (000) EUR bedraagt en waarvan het geconsolideerd overzicht van winst of verlies en niet-gerealiseerde resultaten afsluit met een verlies van het boekjaar van 38.779 (000) EUR.

Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de Groep op 31 december 2018 alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.

Basis voor het oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.

Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Kernpunten van de controle

Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.

BOEKHOUDKUNDIGE VERWERKING VAN NIEUWE INKOMSTENSTROMEN NA HET TERUG VERWERVEN VAN DE GLOBALE RECHTEN OP HET PRODUCT JETREA (OCRIPLASMINE)

Bespreking van het kernpunt

Volgend op het afsluiten van een overeenkomst in 2017 met Alcon / Novartis met betrekking tot het terug verwerven van de globale rechten op haar product JETREA (ocriplasmine), heeft Oxurion nieuwe commerciële, dienst- en distributieovereenkomsten gesloten teneinde ondersteuning te bekomen bij de verkoop en distributie van haar producten buiten de US.

Deze overeenkomsten en hun boekhoudkundige verwerking waren significant voor onze auditwerkzaamheden, aangezien zij nieuwe inkomstenstromen voor het bedrijf uitmaken.

Uitgevoerde werkzaamheden

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder andere:

  • Wij hebben de overeenkomsten in detail geanalyseerd, met de bijstand van onze IFRS specialisten, teneinde een goed begrip te krijgen van hun impact op de geconsolideerde jaarrekening en haar toelichtingen.
  • Wij hebben de boekhoudkundige verwerking zoals voorgesteld door het management nagekeken, en in het bijzonder de opbrengsterkenning in het licht van de toegepaste boekhouden waarderingsregels in overeenstemming met IFRS.
  • We hebben de gepastheid van de toelichting 5.6.1. van de geconsolideerde jaarrekening beoordeeld.

BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING VAN ACTIVA Bespreking van het kernpunt

De immateriële vaste activa bevatten geactiveerde ontwikkelingskosten voor JETREA® sVMA/VMT. Dit actiefbestanddeel wordt jaarlijks afgeschreven over de geschatte economische levensduur en er werd in 2016 reeds een bijzondere waardevermindering geboekt. De vennootschap heeft aan het einde van huidig boekjaar dit actiefbestanddeel getest voor mogelijke bijkomende bijzondere waardeverminderingen, in overeenstemming met IAS 36. Zoals beschreven in toelichting 5.7.2.1. van de geconsolideerde jaarrekening bleek uit deze oefening dat de boekwaarde niet materieel afwijkt van de geschatte realisatiewaarde, zodat het niet noodzakelijk was om een bijkomende bijzondere waardevermindering te boeken.

De waardering van deze immateriële vaste activa is significant voor onze controle gezien de mogelijke significante impact op de jaarrekening en omwille van de aanwezigheid van belangrijke inschattingen die beïnvloed worden door assumpties.

Uitgevoerde werkzaamheden

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder andere:

  • We hebben het door de vennootschap gebruikte waarderingsmodel bij het onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen, met inbegrip van de significante onderliggende assumpties zoals beschreven in toelichting 5.7.2.1., geanalyseerd en nagekeken, en beoordeeld of dit waarderingsmodel passend is.
  • We hebben beoordeeld of de kasstroom genererende eenheden correct werden gedefinieerd in overeenstemming met de bepalingen van IFRS.
  • We hebben de methodologie en het in het model toegepaste verdisconteringspercentage beoordeeld in overleg met een waarderingsspecialist van ons kantoor.
  • We hebben de sensitiviteitsanalyse zoals voorbereid door de vennootschap nagekeken om een begrip te vormen van het effect van veranderende assumpties.
  • We hebben alle door de vennootschap ter beschikking gestelde informatie in overweging genomen teneinde eventuele andere indicaties voor een onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen te identificeren.
  • We hebben de volledigheid en gepastheid van toelichting 5.7.2.1. van de geconsolideerde jaarrekening beoordeeld.

Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan voor de geconsolideerde jaarrekening

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.

Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de Groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.

Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening

Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.

Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:

  • het identificeren en inschatten van de risico's dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico's inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
  • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep;
  • het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door het bestuursorgaan gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen ;
  • het concluderen of de door het bestuursorgaan gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met

betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de Groep zijn continuïteit niet langer kan handhaven;

  • het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld;
  • het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de Groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.

Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.

Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.

Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.

Verslag betreffende de overige door wet- en regelgeving gestelde rapporteringsvereisten in hoofde van de commissaris

Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening.

Verantwoordelijkheden van de commissaris

In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm (Herzien in 2018) bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.

Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening

Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 119 van het Wetboek van vennootschappen.

In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen in de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening, zijnde:

  • Hoofdstuk 3.1 Kerncijfers
  • Hoofdstuk 3.2 Activiteiten van Oxurion
  • Hoofdstuk 3.3 Bespreking van de geconsolideerde jaarrekening
  • Hoofdstuk 3.5 Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de risico's van de vennootschap

een afwijking van materieel belang bevatten, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, hebben wij geen afwijking van materieel belang te melden.

Wij drukken geen enkele mate van zekerheid uit over het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport.

Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid

  • Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de jaarrekening verricht, en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de vennootschap.
  • De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle bedoeld in artikel 134 van het Wetboek van vennootschappen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.

Andere vermeldingen

• Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.

Zaventem, 4 april 2019

BDO Bedrijfsrevisoren CVBA Commissaris Vertegenwoordigd door Gert Claes

7. Verkorte statutaire jaarrekening

De jaarrekening van Oxurion NV is hierna in verkorte vorm opgenomen.

Het Jaarverslag, de jaarrekening en het verslag van de commissaris van Oxurion NV worden, conform art. 98 en art. 100 van het Wetboek van Vennootschappen, neergelegd bij de Nationale Bank van België. Op verzoek kan daar een afschrift van deze documenten worden bekomen.

De integrale versie van de statutaire jaarrekening en de bijhorende verslagen is kosteloos verkrijgbaar voor het publiek op aanvraag bij:

Oxurion NV Ter attentie van Dominique VANFLETEREN Gaston Geenslaan 1 B-3001 Leuven België Tel.: +32 16 75 13 17 Fax: +32 16 75 13 11 e-mail: [email protected]

.

Er is ook een elektronische versie van de integrale statutaire jaarrekening evenals de bijhorende verslagen verkrijgbaar via het internet, op de website van Oxurion (www.oxurion.com). De statutaire jaarrekening zoals neergelegd bij de Nationale Bank van België is opgesteld conform de Belgische boekhoudwetgeving. De commissaris zal een verslag zonder voorbehoud afleveren.

7.1. Verkorte balans van Oxurion NV

IN '000 EURO (PER 31 DECEMBER) 2018 2017
ACTIVA
Vaste activa 27.693 30.182
Immateriële vaste activa 20.852 24.005
Materiële vaste activa 577 913
Financiële vaste activa 6.264 5.263
Vlottende activa 92.339 123.896
Vorderingen op meer dan één jaar 2.404 4
Voorraden en bestellingen in uitvoering 1.099 2.268
Vorderingen op ten hoogste één jaar 3.289 3.202
Geldbeleggingen 20.465 52.449
Liquide middelen 64.451 62.402
Overlopende rekeningen 630 3.572
TOTAAL ACTIVA 120.032 154.078
PASSIVA
Eigen vermogen 111.057 137.898
Kapitaal 147.977 162.404
Uitgiftepremies 13 157.661
Overgedragen winst (verlies) -36.933 -182.168
Schulden 8.975 16.180
Schulden op meer dan één jaar 0 0
Schulden op ten hoogste één jaar 6.974 14.304
Overlopende rekeningen 2.001 1.876
TOTAAL VAN DE PASSIVA 120.032 154.078

7.2. Verkorte resultatenrekening van Oxurion NV

IN '000 EURO (VOOR HET BOEKJAAR EINDI
GEND OP 31 DECEMBER)
2018 2017
Bedrijfsopbrengsten en bedrijfskosten
Brutomarge -5.592 55.347
Bezoldigingen, sociale lasten en pensi
oenen
-7.471 -7.607
Afschrijvingen en waardeverminderingen
op oprichtingskosten, op immateriële en
materiële vaste activa
-22.550 -20.759
Waardeverminderingen op voorraden,
op bestellingen in uitvoering en op
handelsvorderingen: toevoegingen
(terugnemingen)
-2.005 -1.608
Overige bedrijfskosten -861 -648
Niet-recurrente bedrijfskosten / bedrijfs
opbrengsten
5 0
Bedrijfswinst (verlies) -38.474 24.725
Financiële opbrengsten 1.072 251
Financiële kosten -287 -1.152
Winst (verlies) van het boekjaar vóór
belasting
-37.689 23.824
Belastingen op het resultaat 756 0
Winst (verlies) van het boekjaar -36.933 23.824
Te bestemmen winst (verlies) van het
boekjaar
-36.933 23.824

7.3. Winstverdeling van Oxurion NV

IN '000 EURO (VOOR HET BOEKJAAR EINDI
GEND OP 31 DECEMBER)
2018 2017
Te bestemmen winst (verlies) -219.100 -182.167
Te bestemmen winst (verlies) van het
boekjaar
-36.933 23.824
Overgedragen winst (verlies) van het
vorige boekjaar
-182.167 -205.991
Onttrekking aan het eigen vermogen 182.167 0
Aan het kapitaal en aan de uitgiftepremies 182.167 0
Aan de reserves 0 0
Overgedragen winst (verlies) van het
vorige boekjaar
-36.933 -182.167

7.4. Belangrijke waarderingsgrondslagen

IMMATERIËLE ACTIVA

Intern ontwikkelde immateriële activa

Onderzoekskosten worden opgenomen in de resultatenrekening naarmate ze worden opgelopen.

Een intern ontwikkeld immaterieel actief (zie toelichting 5.7.2) dat voortvloeit uit ontwikkelingsactiviteiten vanwege de Groep, wordt enkel opgenomen als alle volgende voorwaarden zijn vervuld:

  • Technische mogelijkheid om het immateriële actief gebruiksklaar te maken;
  • Intentie tot vervollediging van het immateriële actief en gebruik of verkoop ervan;
  • Mogelijkheid tot gebruik of verkoop van het immateriële actief;
  • Het immateriële actief zal waarschijnlijk toekomstige economische voordelen genereren, of het bestaan van een markt aantonen;
  • Beschikbaarheid van adequate technische, voldoende financiële middelen om de ontwikkeling te beëindigen;
  • Beschikbaarheid van betrouwbare vastlegging van de toegewezen uitgaven voor dit immaterieel actief tijdens de ontwikkeling.

De octrooikosten voor het beschermen van de immateriële activa worden opgenomen als kost.

Na hun initiële opname op de balans worden de immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. De afschrijving van geactiveerde ontwikkelingskosten wordt geboekt in de resultatenrekening onder onderzoeks- en ontwikkelingskosten.

De geactiveerde kosten worden afgeschreven over de levensduur van het octrooi vanaf het ogenblik dat er inkomsten worden gegenereerd.

Wanneer er niet aan de criteria wordt voldaan om de ontwikkelingskosten te kunnen activeren, zullen deze kosten worden opgenomen tijdens de periode naarmate ze worden opgelopen.

Oxurion heeft sinds 2008 klinische studiekosten m.b.t. ocriplasmine geactiveerd omdat dit project zich in Fase 3 bevond en de kans op toekomstige commercialisering hoog werd ingeschat. De immateriële activa bestaan uit externe studie- en productiekosten in onderaanneming en interne ontwikkelingskosten die betrekking hebben op alle projecten in Fase 3.

Aangekochte immateriële activa

Aangekochte softwarelicenties worden geactiveerd op basis van de kosten die gemaakt worden om de specifieke software aan te kopen en in werking te stellen. Deze kosten worden afgeschreven over de geschatte gebruiksduur van de betrokken activa, die normaal op drie jaar geschat wordt.

De verworven kennis in de vorm van licenties wordt opgenomen tegen kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Deze worden afgeschreven op een lineaire basis over hun geschatte gebruiksduur, die gelijk is aan de periode gedurende dewelke de Groep verwacht economische voordelen te halen uit deze licenties.

MATERIËLE VASTE ACTIVA

De materiële vaste activa worden opgenomen tegen historische kostprijs (alleen materiaalkosten), verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Latere kosten worden opgenomen in de boekwaarde van het actief of geboekt als een afzonderlijk actief, maar alleen wanneer het waarschijnlijk is dat toekomstige economische voordelen verbonden aan het actief naar de Groep zullen vloeien en wanneer de kostprijs van het actief op betrouwbare wijze kan worden bepaald. Alle overige herstellingsen onderhoudskosten worden opgenomen in de resultatenrekening op het ogenblik dat ze gemaakt worden. De kostprijs van buiten gebruik gestelde (naar aanleiding van een verkoop) of op een andere wijze afgestoten activa en de hieraan verbonden gecumuleerde afschrijving, wordt opgenomen in de resultatenrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij verkoop in het jaar waarin de verkoop plaatsvond. Winsten en verliezen op de verkoop van materiële vaste activa worden opgenomen in overige baten of lasten.

Afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode om de kostprijs van materiële vaste activa, in de mate dat deze de restwaarde overtreft, toe te wijzen over de verwachte gebruiksduur:

  • Materiële vaste activa: 3 tot 5 jaar
  • Meubilair en rollend materiaal: 3 tot 5 jaar

De afschrijvingsmethoden, gebruiksduur en restwaarde worden op elke rapporteringsdatum opnieuw geëvalueerd.

Kosten na eerste opname

De kostprijs van de vervanging van een deel van een materieel vast actief wordt in de boekwaarde van dat actief opgenomen indien het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen verbonden aan het actief naar de Groep zullen vloeien en wanneer de kostprijs van het actief op betrouwbare wijze kan worden bepaald. De boekwaarde van het vervangen onderdeel wordt niet langer in de balans opgenomen. De kosten van het dagelijkse onderhoud van materiële vaste activa worden opgenomen in de winst- en verliesrekening op het ogenblik dat ze worden gemaakt.

VOORRAAD

Grondstoffen, hulpstoffen en handelsartikelen worden geboekt tegen kostprijs of tegen netto realiseerbare waarde, al naargelang wat het laagste is. Het systeem van voorraadbeheer is gebaseerd op de FIFO-methode.

Goederen in bewerking en gereed product worden gewaardeerd tegen de standaardfabricagekosten of de netto realiseerbare waarde. Het systeem van voorraadbeheer is gebaseerd op de FIFO-methode.

De test van de netto realiseerbare waarde wordt elke verslagperiode uitgevoerd. De netto realiseerbare waarde is de geschatte verkoopprijs in het kader van de normale bedrijfsuitoefening, verminderd met de geschatte kosten van voltooiing en de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.

De standaardfabricageprijs van de goederen in bewerking en het gereed product omvat naast de aanschaffingsprijs van de grondstoffen, verbruiksgoederen en hulpstoffen ook de productiekosten die rechtstreeks aan het product toerekenbaar zijn, evenals het evenredige deel van de productiekosten die slechts onrechtstreeks aan het product toerekenbaar zijn, voor zover deze kosten betrekking hebben op de normale productieperiode.

De standaardfabricageprijs wordt vergeleken met de werkelijke vervaardigingsprijs op jaarbasis. Het verschil resulteert in een aanpassing van de waarde van de voorraden.

HANDELSVORDERINGEN

Bij de initiële opname worden handelsvorderingen gewaardeerd tegen reële waarde, en vervolgens tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve rentemethode. Voorzieningen voor verwachte, niet-invorderbare bedragen worden opgenomen in de resultatenrekening wanneer er objectieve bewijzen bestaan dat het actief in waarde is gedaald. Dubieuze handelsvorderingen worden geboekt op basis van een inschatting van verwachte kredietverliezen over de gebruiksduur van het actiefbestanddeel, rekening houdend met de betalingshistoriek van de tegenpartij. Een voorziening voor bijzondere waardevermindering van handels- en overige vorderingen wordt aangelegd wanneer er objectieve aanwijzingen zijn dat de vennootschap niet in staat zal zijn om alle verschuldigde bedragen volgens de oorspronkelijke voorwaarden van de vorderingen te innen. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden doorgaans geboekt op vorderingen in geval van insolventie of soortgelijke procedures, financiële herstructurering bij handelspartners of de uitvoering van handhavingsmaatregelen. Ook de betalingshistoriek en achterstallige vorderingen worden geanalyseerd, waarbij voor elk geval de klantspecifieke feiten worden beoordeeld.

BELEGGINGEN

De beleggingen worden aangehouden als beschikbaar voor verkoop en jaarlijks op afsluitdatum gewaardeerd tegen marktwaarde. De reële-waardeaanpassing wordt opgenomen in de overige reserves totdat de beleggingen niet langer in de balans worden opgenomen of een bijzondere waardevermindering ondergaan. De bijzondere waardevermindering wordt opgenomen in de resultatenrekening.

GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten direct opvraagbare deposito's en andere zeer liquide beleggingen op korte termijn (met een looptijd van minder dan drie maanden) die snel omgezet kunnen worden in een bekend bedrag aan contanten en waarvoor een gering risico op waardeschommelingen bestaat.

FINANCIËLE VERPLICHTINGEN EN EIGEN VERMOGEN

Financiële verplichtingen en eigen-vermogeninstrumenten die worden uitgegeven door de Groep worden geclassificeerd op basis van de inhoud van de contractuele overeenkomsten die werden afgesloten en op basis van de definities van een financiële verplichting en een eigen-vermogensinstrument. Een eigen-vermogensinstrument is elk contract dat duidt op een resterend belang in de activa van de Groep na aftrek van alle verplichtingen. De boekhoudkundige principes die zijn aangenomen voor specifieke financiële verplichtingen en eigen-vermogensinstrumenten worden hieronder beschreven.

HANDELSSCHULDEN

Handelsschulden worden in eerste instantie gewaardeerd tegen hun reële waarde, en vervolgens tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode.

BELASTINGVORDERINGEN OP MEER DAN ÉÉN JAAR

In het verleden werd het te ontvangen belastingtegoed geboekt op de overlopende rekening "Verkregen opbrengsten" (#491). Vanaf 2018 zullen, op basis van CBN-advies 2018/02, gepubliceerd op 21 maart 2018, belastingvorderingen op minder dan één jaar op terug te vorderen belastingen en voorheffingen (#412) worden geboekt. Echter, in de mate waarin de terugbetaling naar verwachting meer dan een jaar in beslag zal nemen, zal de vordering na het verstrijken van een jaar worden geboekt onder overige vorderingen op meer dan één jaar (#291). Het bedrag voor 2018 dat werd geherkwalificeerd van verkregen opbrengsten naar belastingvorderingen op meer dan één jaar, beloopt 2,173 miljoen euro.

8. Verklarende woordenlijst

AMD (Age-related Macular Degene Leeftijdsgebonden maculadegeneratie; een degeneratieve aandoening van de macula (centraal
ration) in de retina) en de meest voorkomende oorzaak van verlies van het gezichtsvermogen bij
mensen van 50 jaar en ouder. Meer dan 10 miljoen Amerikanen lijden eraan.
CEO Chief Executive Officer
CFO Chief Financial Officer
Contract Manufacturing Een bedrijf dat door de geneesmiddelenautoriteiten gemachtigd is om materiaal te produceren
Organization (CMO) voor toediening aan mensen.
Een complicatie van diabetische retinopathie, gekenmerkt door een ophoping van vocht in de
macula. Het kan in elk stadium van de ziekte voorkomen. De macula is verantwoordelijk voor
Diabetisch macula-oedeem (DME) de gezichtsscherpte. De zwelling ervan resulteert in een progressief verlies van het gezichts
vermogen, wat de levenskwaliteit van de patiënt ernstig aantast (verminderd vermogen om te
lezen en auto te rijden).
Een complicatie van suikerziekte of diabetes. Diabetes veroorzaakt een beschadiging van de
Diabetische Retinopathie (DR) kleine bloedvaatjes in de retina of netvlies, het lichtgevoelige weefsel achteraan het oog. Diabe
tische retinopathie is de belangrijkste oorzaak voor blindheid bij de actieve bevolking.
ECL Verwachte kredietverliezen op financiële activa.
EMA European Medicines Agency; het Europees Geneesmiddelenbureau.
FDA Food and Drug Administration; een Amerikaans agentschap dat verantwoordelijk is voor het
goedkeuringsproces voor geneesmiddelen in de Verenigde Staten.
Het doel van de GLP-kwaliteitsrichtlijnen is te zorgen voor een kwaliteitsvol product, waarbij
Goede Laboratorium Praktijk/Good richtlijnen gegeven worden voor het onderzoek naar en de ontwikkeling van farmaceutische
Laboratory Practice (GLP) producten, maar waarbij ook een codex geboden wordt voor een groot aantal van de activitei
ten, los van het kritieke pad van de ontwikkeling van een geneesmiddel.
GMP-normen zijn een deel van de garantie voor de farmaceutische kwaliteit van een ge
Goede Productie Praktijk/Good Ma neesmiddel. Ze garanderen dat geneesmiddelen op een consistente manier gefabriceerd en
nufacturing Practice (GMP) gecontroleerd worden volgens kwaliteitsnormen die zijn aangepast aan het overwogen gebruik
en in overeenstemming met de bepalingen voor geneesmiddelen.
HR Human Resources.
IASB International Accounting Standards Board.
IBR Instituut van Bedrijfsrevisoren.
IFRIC International Financial Reporting Interpretations Committee.
IFRS International Financial Reporting Standards.
IP Intellectuele eigendom.
IWT Het Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie.
Klinische studie Een rigoureus gecontroleerde studie naar de werking van een kandidaat-geneesmiddel of een
nieuw, invasief medisch toestel bij mensen.
KULeuven Katholieke Universiteit Leuven.
MBA Master of Business Administration
MIVI-TRUST Studiegroep Microplasmin for Intravitreal Injection – Traction Release without Surgical Treat
ment
OASIS Studie van ocriplasmine voor de behandeling van symptomatische vitreomaculaire adhesie
inclusief maculair gaatje.
OCI Een veelgebruikte term binnen IFRS betreft 'other comprehensive income'. Deze term kan
worden vertaald als 'niet-gerealiseerde resultaten'. Het zijn resultaten die niet in de winst- en
verliesrekening zijn opgenomen en veelal het gevolg zijn van waardeveranderingen van activa
of verplichtingen.
Oftalmologie De tak van de geneeskunde die zich bezighoudt met de diagnose, preventie en behandeling
van aandoeningen van het oog.
ORBIT Ocriplasmin Research to Better Inform Treatment; ocriplasmine-onderzoek voor beter geïn
formeerde behandeling.
OZONE Ocriplasmin Ellipsoid Zone Retrospective Data Collection Study; een verzameling van retros
pectieve gegevens in verband met ocriplasmine in de ellipsoïde zone.
PDR Proliferatieve diabetische retinopathie.
PlGF Een specifiek eiwit in het lichaam dat een rol speelt bij het stimuleren van de vorming van
nieuwe bloedvaten. Hoewel het een homoloog is van VEGF, bindt PlGF zich alleen aan VEGFR-1
(Flt-1) (in tegenstelling tot VEGF, dat zich bindt aan VEGFR-1 en VEGFR-2).
Plasmine Een stof of enzym die/dat fibrine verteert.
Plasminogeen Een inactief enzym dat circuleert in het bloed en dat kan worden gebruikt om plasmine te
maken.
Plasminogeenactivator Een enzym dat plasminogeen omzet in plasmine.
Preklinische studie Een laboratoriumtest van een nieuw kandidaat-geneesmiddel of een nieuw invasief medisch
toestel op dieren of celculturen, die uitgevoerd wordt om bewijzen te verzamelen om een
klinische studie te rechtvaardigen.
PVD (Posterior Vitreous Detachment) Posterieure loslating van het glasachtig lichaam; het proces waarbij het vitreum of glasachtig
lichaam loskomt of -scheurt achteraan in het oog of loskomt van het netvlies.
O&O Onderzoek en ontwikkeling
Retina Het netvlies; het lichtgevoelige weefsel dat aanwezig is op de binnenste achterwand van het
oog.
Netvliesloslating Het proces waarbij het netvlies loskomt van het achterliggende weefsel.
Stafylokinase Een eiwit afkomstig van de bacterie Stafylococccus Aureus dat, wanneer het toegediend wordt
aan patiënten, kan zorgen voor het oplossen van een bloedklonter door te binden aan plasmi
nogeen in aanwezigheid van een bloedklonter.
TB-403 Anti-PlGF (placentaire groeifactor).
Trombolytica Geneesmiddelen die bloedklonters, die de bloedstroom naar bepaalde weefsels blokkeren,
kunnen oplossen.
Trombose De vorming van een bloedklonter lokaal in een bloedvat.
tPA (Tissue Plasminogen Activator) Weefselplasminogeenactivator; een enzym dat aanwezig is in het menselijk lichaam en een rol
speelt bij het oplossen van bloedklonters.
µm Micron.
VA (Visual Acuity) Gezichtsscherpte
Vasculaire Endotheliale Groei Factor
(VEGF)
Een specifiek eiwit in het lichaam dat een rol speelt bij het stimuleren van de vorming van
nieuwe bloedvaten. De belangrijkste receptoren die VEGF binden, zijn VEGFR-1 (Flt-1) en VE
GFR-2 (Flk-1).
VIB Vlaams Instituut voor Biotechnologie
Glasvocht Een gelachtige substantie die het centrum van het oog opvult.
VLAIO Het Vlaams Agentschap Innoveren en Ondernemen.
VMA Vitreomaculaire adhesie.
VMT Vitreomaculaire tractie.

Hoofdkantoor

Oxurion NV Gaston Geenslaan 1 3001 Leuven België

T +32 16 75 13 10 F +32 16 75 13 11

Iers filiaal

Oxurion NV Irish Branch Office 109A 12 Camden Row Dublin 8 Ierland

T +353 1 479 05 96

Amerikaanse dochteronderneming

ThromboGenics, Inc. 101 Wood Avenue South, Suite 610 Iselin, NJ 08830 VS

T +1 732 590 29 00 F +1 866 945 98 08

Andere dochteronderneming

Oncurious NV Gaston Geenslaan 1 3001 Leuven België

Notities

Notities