Skip to main content

AI assistant

Sign in to chat with this filing

The assistant answers questions, extracts KPIs, and summarises risk factors directly from the filing text.

Oxurion NV Annual Report 2017

Mar 30, 2018

3987_10-k_2018-03-30_0b31a0ed-2210-491c-af6f-20b679adba88.pdf

Annual Report

Open in viewer

Opens in your device viewer

1. ALGEMENE INFORMATIE EN INFORMATIE BETREFFENDE DE VERANTWOORDELIJKHEID VOOR
HET JAARVERSLAG EN VOOR DE CONTROLE VAN DE JAARREKENING 5
1.1. Verantwoordelijkheid voor de inhoud van dit document 5
1.2. Verantwoordelijkheid voor de controle van de jaarrekening 5
1.3. Beschikbaarheid van het Jaarverslag 5
1.4. Toekomstgerichte informatie 6
2. VOORWOORD VAN DE CEO EN VOORZITTER VAN DE RAAD VAN BESTUUR7
3. BEHEERSVERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR10
3.1. Kerncijfers 10
3.2. Activiteiten van ThromboGenics 11
3.3. Bespreking van de geconsolideerde jaarrekening 16
3.4. Bespreking van de statutaire jaarrekening 17
3.5. Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de risico's van de vennootschap 17
3.6. Andere informatie overeenkomstig het Belgische vennootschapsrecht 22
4. CORPORATE GOVERNANCE24
4.1. Algemene bepalingen 24
4.2. Niet-naleving van de Corporate Governance Code 24
4.3. Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de interne controle en risicoanalyse van de vennootschap 24
4.4. Vergoeding van de auditor 26
4.5. Bekendmaking van belangrijke deelnemingen 27
4.6. Samenstelling en werking van de vennootschapsorganen 28
4.7. Beleid betreffende transacties en andere contractuele relaties tussen de vennootschap,
inclusief verbonden vennootschappen, en haar bestuurders en leden van het Executive Team 32
4.8. Kapitaalsverhoging door de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal en
bepalingen die van toepassing zijn in geval van een openbaar overnamebod op de vennootschap
(artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007) 34
4.9. Remuneratieverslag over het boekjaar 2017 35
5. GECONSOLIDEERDE JAARREKENING38
5.1. Geconsolideerde winst- en verliesrekening 38
5.2. Geconsolideerde balans 39
5.3. Geconsolideerd kasstroomoverzicht 40
5.4. Geconsolideerd overzicht van de wijzigingen van het eigen vermogen 41
5.5. Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening 41
5.6. Toelichtingen bij de geconsolideerde winst- en verliesrekening 54
5.7. Toelichtingen bij de geconsolideerde balans 58
5.8. Overige toelichtingen bij de geconsolideerde balans 64
6. VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING VAN AANDEELHOUDERS
VAN DE VENNOOTSCHAP OVER HET BOEKJAAR AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 201668
7. VERKORTE STATUTAIRE JAARREKENING 70
7.1. Verkorte balans van ThromboGenics NV 70
7.2. Verkorte resultatenrekening van ThromboGenics NV 70
7.3. Winstverdeling van ThromboGenics NV 71
7.4. Belangrijke waarderingsgrondslagen 71
8. VERKLARENDE WOORDENLIJST74

1. ALGEMENE INFORMATIE EN INFORMATIE BETREFFENDE DE VERANTWOORDELIJKHEID VOOR HET JAARVERSLAG EN VOOR DE CONTROLE VAN DE JAARREKENING

1.1. Verantwoordelijkheid voor de inhoud van dit document

De Raad van Bestuur van ThromboGenics is verantwoordelijk voor de inhoud van dit document. De Raad van Bestuur van ThromboGenics verklaart dat, na alle redelijke maatregelen te hebben genomen om dat te garanderen, de informatie in dit Jaarverslag, voor zover hem bekend is, overeenstemt met de werkelijkheid en dat geen gegevens zijn weggelaten waarvan de vermelding de strekking van het document zou wijzigen.

Thomas Clay, voorzitter, en Patrik De Haes, uitvoerend bestuurder en Chief Executive Officer van ThromboGenics NV, verklaren in naam en voor rekening van de vennootschap, dat, voor zover hen bekend:

  • De geconsolideerde jaarrekening, opgesteld volgens de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de EU, een getrouw beeld geeft van het vermogen, de financiële toestand en de resultaten van de vennootschap ThromboGenics NV en van de ondernemingen die deel uitmaken van de Groep.
  • Het Jaarverslag met betrekking tot de geconsolideerde jaarrekening een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en resultaten van de Groep, alsook van de voornaamste risico's en onzekerheden waaraan de Groep het hoofd biedt.

Dit Jaarverslag werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 15 maart 2018.

1.2. Verantwoordelijkheid voor de controle van de jaarrekening

BDO Bedrijfsrevisoren, een vennootschap naar Belgisch recht met hoofdzetel te Da Vincilaan 9, B-1935 Brussel, vertegenwoordigd door Gert Claes en lid van het Instituut der Bedrijfsrevisoren (IBR), werd benoemd tot commissaris van ThromboGenics voor een termijn van drie jaar die onmiddellijk eindigt na de afsluiting van de jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 2019 die zal hebben beraadslaagd en beslist over de jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2018.

1.3. Beschikbaarheid van het Jaarverslag

ThromboGenics heeft zijn Jaarverslag in het Nederlands opgesteld. Het Nederlandstalige document is vervolgens naar het Engels vertaald. In het geval van interpretatieverschillen tussen de Engelse en de Nederlandse versie van het Jaarverslag heeft de oorspronkelijke Nederlandse versie voorrang. Het Jaarverslag is kosteloos beschikbaar voor het publiek op aanvraag bij:

ThromboGenics NV Ter attentie van Dominique VANFLETEREN Gaston Geenslaan 1 B-3001 Leuven België Tel.: +32 16 75 13 17 Fax: +32 16 75 13 11 e-mail: [email protected]

Uitsluitend ter informatie is er ook een elektronische versie van het Jaarverslag verkrijgbaar via het internet, op de website van ThromboGenics (www.thrombogenics.com).

1.4. Toekomstgerichte informatie

Dit Jaarverslag bevat toekomstgerichte verklaringen, verwachtingen en inschattingen met betrekking tot de verwachte toekomstige prestaties van ThromboGenics en de markt waarin ThromboGenics actief is. Bepaalde van deze verklaringen, verwachtingen en inschattingen kunnen worden herkend door het gebruik van woorden zoals, maar niet beperkt tot, "van mening zijn", "verwachten", "van plan zijn", "streven naar", "schatten", "voorspellen", "voorzien", "zou kunnen", "zullen", "voortzetten" en vergelijkbare uitdrukkingen. Deze omvatten alle zaken die geen historische feiten zijn. Dergelijke verklaringen, verwachtingen en inschattingen zijn gebaseerd op verschillende veronderstellingen en inschattingen van bekende en onbekende risico's, onzekerheden en andere factoren die redelijk geacht werden op het ogenblik waarop ze werden gemaakt, maar die al dan niet correct zouden kunnen blijken. Feitelijke gebeurtenissen zijn moeilijk te voorspellen en kunnen afhangen van factoren buiten de controle van de vennootschap. Bijgevolg is het mogelijk dat de werkelijke resultaten, financiële toestand en de resultaten van de sector wezenlijk afwijken van enige toekomstige resultaten, prestaties of verwezenlijkingen die zijn uitgedrukt of geïmpliceerd door dergelijke verklaringen, verwachtingen en inschattingen. Factoren die een dergelijke afwijking kunnen veroorzaken, omvatten, maar zijn niet beperkt tot, de factoren die worden besproken in het hoofdstuk "Risicofactoren". Gezien deze onzekerheden wordt geen enkele verklaring gedaan met betrekking tot de juistheid of redelijkheid van dergelijke toekomstgerichte verklaringen, verwachtingen en inschattingen. Bovendien gelden deze enkel op de datum van dit Jaarverslag. De vennootschap wijst uitdrukkelijk iedere verplichting af om enige van de toekomstgerichte verklaringen, verwachtingen en inschattingen in dit Jaarverslag bij te werken teneinde verandering in de verwachtingen van de vennootschap in dat verband of enige wijziging in de feiten, voorwaarden of omstandigheden waarop dergelijke verklaringen, verwachtingen en inschattingen berusten, te weerspiegelen, behalve in de mate dat dit wordt vereist door de Belgische wet.

Alle verklaringen en informatie hebben betrekking op de periode tot 31 december 2017, behalve wanneer uitdrukkelijk anders vermeld.

2. VOORWOORD VAN DE CEO EN VOORZITTER VAN DE RAAD VAN BESTUUR

Beste lezer,

Het jaar 2017 werd gekenmerkt door enkele heel belangrijke mijlpalen voor ThromboGenics, met boeiende ontwikkelingen.

Dat we opnieuw de wereldwijde commerciële rechten op JETREA® verwierven was ongetwijfeld een van de hoogtepunten. We boekten ook belangrijke vooruitgang in onze pijplijn voor de ontwikkeling van geneesmiddelen voor de behandeling van diabetische retinopathie, de belangrijkste oorzaak van blindheid bij de volwassen werkende bevolking overal ter wereld.

Deze verwezenlijkingen zijn te danken aan de inspanningen van ons hele team, en werden mogelijk gemaakt door de nauwe samenwerking tussen het Managementteam en de Raad van Bestuur, met Thomas Clay als nieuwe voorzitter.

Als onderdeel van de overeenkomst met Novartis ontving ThromboGenics een investering van 10 miljoen euro, en de onderneming verwelkomt Novartis als aandeelhouder. We gaan die cashinjectie gebruiken voor de uitbreiding van onze pijplijn voor de ontwikkeling van innovatieve geneesmiddelen voor de behandeling van diabetische retinopathie (DR), met of zonder diabetisch macula-oedeem (DME). Deze oogaandoening die met diabetes samenhangt, is nog altijd de belangrijkste oorzaak van blindheid bij de volwassen werkende bevolking overal ter wereld. Daarvoor willen we innovatieve nieuwe geneesmiddelen ontwikkelen.

Drie schoten op doel in de bestrijding van verminderd gezichtsvermogen bij diabetici

Door de pijplijn van mogelijke innoverende behandelingen voor diabetes uit te bouwen, streeft ThromboGenics ernaar de beste doorbraken in de wereldwijde bestrijding van verminderd gezichtsvermogen aan te bieden. De meerledige aanpak van de onderneming voor de ontwikkeling van behandelingen van diabetische retinopathie is uitgemond in drie innovatieve middelen die reeds worden geëvalueerd in een klinische studie of die binnenkort in die fase zullen komen.

Begin 2017 startten we een klinisch fase I/IIa-onderzoek ter evaluatie van anti-PlGF (THR-317) bij patiënten met DME. Dit onderzoek is nu bijna afgerond; de eerste resultaten worden verwacht in de lente van 2018. We doen onderzoek naar de mogelijkheden van dit antilichaam als combinatietherapie met anti-VEGF-behandelingen. De huidige behandelnorm bestaat uit herhaaldelijke injecties, die vrij intensief zijn voor de patiënt. Jammer genoeg reageren niet alle patiënten met DME of DR goed op anti-VEGF-therapie, dus voor die groep zou het nieuwe geneesmiddel uitkomst kunnen bieden.

De mogelijke voordelen van het geneesmiddel werden reeds bevestigd in tal van publicaties, onder meer in Experimental Eye Research. Dit door collega's getoetste tijdschrift publiceerde preklinische gegevens uit vroeg onderzoek naar THR-317. In hun conclusies bevestigen de auteurs onomwonden dat de doeltreffendheid van het middel vergelijkbaar is met die van VEGF-remmers en wijzen ze op de mogelijke extra capaciteit van het middel om ontstekingen en fibrose tegen te gaan. We zijn heel enthousiast over dergelijke publicaties in de wetenschappelijke wereld. Ze bevestigen het potentieel van onze pijplijn voor de ontwikkeling van geneesmiddelen.

En er is meer: nieuwe, veelbelovende trajecten ontrollen zich met twee middelen die medio 2018 klaar zullen zijn voor klinische fase I-onderzoeken. Preklinisch onderzoek naar THR-687 (een integrine-antagonist) leverde bemoedigende gegevens op die aantonen dat deze nieuwe molecule mogelijkheden in zich draagt voor de behandeling van een brede groep patiënten met diabetische retinopathie, al dan niet met DME. Onze presentatie van deze preklinische resultaten op de jaarlijkse bijeenkomst van de European Association for Vision and Eye Research (EVER) in september 2017 wekte veel belangstelling bij oog- en netvliesspecialisten. In een volgende stap zullen deze veelbelovende preklinische gegevens worden omgezet in een klinische proef.

De onderneming evalueert momenteel ook de molecule THR-149, een selectieve plasma kallikreïneremmer, voor de behandeling van DME dat met DR samenhangt. We hebben met dit middel reeds toxicologisch onderzoek verricht en bereiden nu de klinische ontwikkeling voor, die voor binnenkort is.

De horizon verbreden

We spannen ons voortdurend in om de inzichten van ThromboGenics in ziekten van de achterkant van het oog en de kenmerken van diabetische retinopathie te verdiepen. We streven er dan ook naar internationaal talent in huis te halen met uitgebreide ervaring en een breed netwerk in de wereld van het oogonderzoek.

Daarom hebben we het voorbije jaar geïnvesteerd in ons wetenschappelijk team. We waren verheugd de aanstelling van dr. Susan Schneider in de functie van Chief Medical Officer te mogen aankondigen. Dr. Schneider brengt nagenoeg 15 jaar ervaring met de klinische ontwikkeling van geneesmiddelen met zich mee. Ze vond onze behandeldoelen op dit gebied bijzonder boeiend en zal van onschatbare waarde zijn om ze te begeleiden in hun klinisch traject.

We streven ernaar toonaangevend te blijven op het gebied van het netvlies. We willen onze horizon van innovatieve nieuwe behandelingsmogelijkheden in de toekomst verbreden. Ons preklinisch onderzoeksteam zoekt voortdurend nieuwe manieren om innovatieve behandeldoelen toe te voegen aan onze pijplijn van ontdekkingen voor de behandeling van aandoeningen van de achterkant van het oog.

Wereldwijde commercialisering van JETREA®

Inmiddels is JETREA®, het eerste product dat de onderneming heeft ontwikkeld, momenteel in 57 landen goedgekeurd voor de behandeling van symptomatische VMA/VMT. We zijn er trots op dat nagenoeg 30.000 patiënten met JETREA® zijn behandeld sinds het begin 2013 op de markt werd gebracht.

ThromboGenics zal dit geneesmiddel nu in de hele wereld in de handel brengen. We zijn met Novartis overeengekomen dat onze onderneming beter geschikt is om een kleinere, maar duurzamere businesscase voor de lange termijn op te bouwen. Dit bracht nieuwe verantwoordelijkheden mee voor onze organisatie. Onze eerste prioriteit is nu continuïteit in de zorg door te waarborgen dat patiënten en artsen tijdig toegang krijgen tot JETREA®.

De komende jaren zullen we de wereldwijde businesscase van dit geneesmiddel verder bevorderen en er een winstgevend product van maken. Daartoe hebben we Vinciane Vangeersdaele verwelkomd bij ons Leadership Team, in de functie van Chief Commercial Officer. Zij zet momenteel een specifiek commercieel team op dat de kansen van dit geneesmiddel overal ter wereld zal benutten.

Oncurious: kinderkanker bestrijden en nieuwe middelen in de immuno-oncologie onderzoeken

Tijdens het voorbije jaar werd nog een andere gedenkwaardige overeenkomst gesloten, door Oncurious, de dochteronderneming van ThromboGenics die werd opgericht samen met het VIB (Vlaams Instituut voor Biotechnologie). Het team verwierf van het VIB de exclusieve licentie op een portefeuille van unieke immuno-oncologische middelen van een volgende generatie.

Deze middelen zijn het resultaat van uitzonderlijk baanbrekende wetenschappelijke werkzaamheden in de labo's van VIB-KULeuven van professor Massimiliano Mazzone en professor Gabriele Bergers en het VIB-VUB-labo van professor Jo Van Ginderachter. Met deze nieuwe middelen zal Oncurious preklinische programma's opstarten voor de behandeling van een breed spectrum van kankers. We verwachten dat dit project over een paar jaar waardevolle resultaten zal opleveren.

Intussen zet Oncurious het klinische onderzoek naar het antilichaam TB-403 (anti-PlGF) voor de behandeling van medulloblastoom onverminderd voort. Dit is de meest voorkomende levensbedreigende hersentumor bij jonge kinderen. Het onderzoek wordt verricht in samenwerking met Beat Childhood Cancer en wil 27 patiënten werven.

Begin 2017 heeft de Europese Commissie ook bevestigd dat TB-403 voor medulloblastoom is erkend als weesgeneesmiddel. Deze bevestiging is uitermate belangrijk voor de mogelijkheden van dit geneesmiddel en biedt cruciale voordelen, onder meer technische bijstand en een 10 jaar durende marktexclusiviteit zodra het geneesmiddel in Europa in de handel is gebracht.

ThromboGenics blijft de meerderheidsaandeelhouder van Oncurious, met als doel waarde te genereren in het oncologiesegment. Die waarde wordt vervolgens geïnvesteerd in onze activiteiten inzake de ontwikkeling van geneesmiddelen.

Significante markten

Al deze programma's werden in de loop van het voorbije jaar erkend door wetenschappers, retinaspecialisten, onze aandeelhouders en andere belanghebbenden uit de medische wereld en de wereld van het oogonderzoek. Ons veelbelovende landschap van behandelingen van de volgende generatie is gericht op significante markten en bevestigt onze unieke positie als doelgerichte biotechonderneming.

Tijdens de uitvoering van onze missie blijven we contacten leggen met de brede wereld van het oogonderzoek. Het is van vitaal belang dat onderzoekers, biotechondernemingen en pati ëntenorganisaties de handen in elkaar slaan om overal ter wereld betere behandelingsmogelijkheden aan te bieden voor visuele problemen en de bestrijding van blindheid.

Vecht samen met ons tegen aandoeningen die het gezichtsvermogen bedreigen

In het voorbije jaar hebben we onze strategie voortgezet: we richten ons volledig op diabetische retinopathie en hanteren daarbij een benadering van "meerdere schoten op doel" tijdens ons preklinisch en klinisch onderzoek. Bij de wereldwijde medische gemeenschap, wetenschappers en andere belanghebbenden, onder meer mogelijke toekomstige partners, hebben we een toenemend enthousiasme en een groeiende belangstelling opgemerkt. Dat is allemaal heel bemoedigend en bevestigt ons dat de weg die we een tijd geleden zijn ingeslagen de goede keuze was.

Met dit verslag over onze activiteiten en verwezenlijkingen van 2017 hopen we ook de energie waarmee onze organisatie en onze mensen aan de weg timmeren een beetje over te dragen.

Hartelijk dank voor uw blijvende interesse voor onze onderneming en voor uw inzet in de wereldwijde strijd tegen aandoeningen die het gezichtsvermogen bedreigen.

Met vriendelijke groet,

Patrik De Haes, MD CEO ThromboGenics NV

Thomas Clay Voorzitter van de Raad van Bestuur ThromboGenics NV

3. BEHEERSVERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR

3.1. Kerncijfers

3.1.1. Geconsolideerde balans

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Materiële vaste activa 991 1.743
Immateriële activa 23.603 25.902
Overige vaste activa op lange termijn 126 202
Belastingen op lange termijn 1.434 2.350
Voorraden 2.204 2.614
Handels- en overige vorderingen 4.295 7.672
Belastingen op korte termijn 2.054 1.085
Beleggingen 49.555 21.817
Geldmiddelen en kasequivalenten 56.175 58.251
Niet-beschikbare banktegoeden 10.000 0
Totaal activa 150.437 121.636
Totaal eigen vermogen 133.357 109.859
Kortlopende verplichtingen 17.080 11.777
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 150.437 121.636

3.1.2. Geconsolideerde winst- en verliesrekening

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Opbrengsten 9.055 7.104
Bedrijfsresultaat 23.266 -60.834
Financiële opbrengsten 392 529
Financiële kosten -1.029 -65
Resultaat voor belastingen 22.629 -60.370
Belastingen -14 22
Resultaat voor het boekjaar 22.615 -60.348
Resultaat per aandeel
Gewoon (euro) 0,63 -1,67
Verwaterd (euro) 0,62 -1,67

3.2. Activiteiten van ThromboGenics

3.2.1. Algemeen

ThromboGenics NV werd opgericht op 30 mei 2006 en is een naamloze vennootschap. De maatschappelijke zetel is gevestigd te: Gaston Geenslaan 1

B-3001 Leuven België Tel.: +32 16 75 13 10

Fax: +32 16 75 13 11

De vennootschap is ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder ondernemingsnummer 0881.620.924.

3.2.2. Missie

ThromboGenics legt zich toe op de ontwikkeling en commercialisering van nieuwe farmacologische behandelingen die belangrijke onbeantwoorde klinische behoeften vervullen.

In 2015 nam ThromboGenics de strategische beslissing om zijn voornaamste middelen te wijden aan de ontwikkeling van geneesmiddelen. ThromboGenics is er nog steeds op gericht de wereldwijde commerciële mogelijkheden van JETREA® te benutten, maar zet zijn middelen nu vooral in voor de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen voor diabetische oogziekten, met een focus op de achterkant van het oog (DR en DME).

3.2.3. Historiek

Thromb-X was het eerste bedrijf van de Groep. Het werd opgericht door prof. Collen en de KULeuven in 1991 om de ervaring die men had opgedaan met het geneesmiddel tPA te gebruiken om nieuwe trombolytica te ontwikkelen met een grotere doeltreffendheid, beter profiel qua nevenwerkingen en lagere productiekost.

In 1992 verhuisde Thromb-X naar een modern uitgerust onderzoekscentrum naast het Centrum voor Moleculaire en Vasculaire Biologie van de KULeuven. In 1995 vestigde het Centrum voor Transgene Technologie en Gentherapie van het VIB zich in hetzelfde gebouw. Door de nauwe samenwerking met de KULeuven en het VIB kon de vennootschap een aantal veelbelovende onderzoeksprogramma's tot in de ontwikkelingsfase brengen.

De initiële onderzoeks- en ontwikkelingsinspanningen van Thromb-X waren gericht op de ontwikkeling van stafylokinase, een veelbelovend trombolytisch middel voor acuut myocardinfarct. Om strategische en commerciële redenen besloot de vennootschap deze ontwikkeling verder te zetten buiten de Westerse markt. Intussen ontwikkelde Thromb-X in samenwerking met de KULeuven en het VIB met succes ocriplasmine, een recombinante afgeleide van het eiwit plasmine. Dit werd de belangrijkste focus van de vennootschap.

In 2001 verkreeg ThromboGenics extra financiële middelen toen de Amerikaanse participatiemaatschappij East Hill Biopharmaceutical Partners aandeelhouder werd. Met deze financiering intensiveerde ThromboGenics de ontwikkeling van ocriplasmine en begon ook het onderzoek naar oftalmologische toepassingen. In 2003 breidde de vennootschap haar activiteiten uit door een dochteronderneming, ThromboGenics, Inc., op te richten in New York.

In mei 2006 werd ThromboGenics NV, een Belgisch bedrijf met hoofdkantoor in Leuven, opgericht als holdingmaatschappij van ThromboGenics Ltd, Thromb-X NV, Producell Biotech NV en ThromboGenics, Inc. Na enkele fusies werd de structuur van de Groep vereenvoudigd.

In juli 2006 verhoogde ThromboGenics het kapitaal met 35 miljoen euro door een succesvolle beursintroductie en werd het genoteerd op de Eurolist van Euronext Brussel.

De afgelopen 8 jaar was ThromboGenics de pionier in de nieuwe geneesmiddelencategorie van farmacologische vitreolyse met de ontwikkeling en commercialisering van JETREA® (ocriplasmine), dat inmiddels wereldwijd in 54 landen goedgekeurd is als behandeling voor vitreomaculaire adhesie/tractie.

Vandaag is ThromboGenics een geïntegreerd biofarmaceutisch bedrijf dat zich richt op de ontwikkeling en commercialisering van innovatieve behandelingen voor aandoeningen aan de achterkant van het oog, met een focus op diabetische oogziekten.

Op 31 december 2017 bestond de Groep uit ThromboGenics NV, met inbegrip van een Iers filiaal, een 100% dochteronderneming ThromboGenics, Inc. en een 81,67% dochteronderneming Oncurious NV.

3.2.4. Evolutie van het aantal werknemers

Op 31 december 2017 had ThromboGenics NV Groep 74 werknemers in dienst:

  • 62 bij ThromboGenics NV: 60 in Leuven, België; 1 in Frankrijk en 1 in Duitsland
  • 9 bij ThromboGenics, Inc. (New Jersey, VS en thuiswerkers)
  • 3 bij Oncurious NV in Leuven, België

ThromboGenics NV Groep telt 23 werknemers met een doctoraatsdiploma en 31 werknemers met een masterdiploma.

3.2.5. Activiteiten

Volgend op de strategische beslissing in 2015 om de voornaamste middelen te wijden aan de ontwikkeling van geneesmiddelen, waren 2016 en 2017 de jaren waarin deze beslissing werd uitgevoerd en er een aantal klinische studies werden opgestart.

ThromboGenics ontwikkelt een brede pijplijn van potentiële ziektemodificerende geneesmiddelen voor de behandeling van diabetische oogziekten, onder meer:

  • • THR-317 een PlGF-neutraliserend monoklonaal antilichaam dat wordt ontwikkeld voor de mogelijke behandeling van DR en/of DME. De eerste fase I/II-resultaten voor DME worden verwacht tegen het einde van het eerste halfjaar van 2018.
  • • THR-149 een plasma kallikreïneremmer die wordt ontwikkeld voor de behandeling van DME. THR-149 zal naar verwachting de klinische fase bereiken in het eerste halfjaar van 2018.
  • • THR-687 een small-molecule integrine-antagonist die in ontwikkeling is voor de behandeling van een brede groep patiënten met DR en/of DME. THR-687 zal naar verwachting medio 2018 de klinische fase bereiken.

Deze producten hebben allemaal verschillende werkingsmechanismen en kunnen de onderneming mogelijk in staat stellen de belangrijkste segmenten van de snel groeiende markt voor behandelingen van diabetische oogziekten aan te spreken. Verdere kandidaat-geneesmiddelen voor de behandeling van diabetische oogziekten worden momenteel verkend en naar verwachting zal ten minste één extra kandidaat in 2018 de preklinische ontwikkelingsfase bereiken.

Onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten

Diabetes, diabetische retinopathie en DME

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) had 9% van de volwassenen van 18 jaar en ouder in 2014 diabetes (WHO, 2015)1 .

Diabetische oogziekten worden veroorzaakt door hyperglykemie (verhoogde glucosewaarden in het bloed) die samenhangt met diabetes. Als hyperglycemie niet wordt behandeld, brengt dit schade toe aan de haarvaten in de achterkant van het oog (het netvlies) waardoor het gezichtsvermogen achteruitgaat en de patiënt zelfs blind kan worden2 .

Diabetische retinopathie (DR) is de belangrijkste oorzaak van aantasting van het gezichtsvermogen bij beroepsactieve volwassenen en treft ongeveer een derde van alle mensen met diabetes . In 2010 werd de prevalentie van PDR of DME met bedreiging voor het gezichtsvermogen geraamd op 11,72% van de diabeticipopulatie (Yau et al., 2012).

DR ontwikkelt zich van een lichte, niet-proliferatieve tot een ernstigere of zelfs proliferatieve ziekte. DME kan zich te allen tijde voordoen als complicatie van DR. Naarmate de ziekte evolueert, worden de bloedvaten in de retina geleidelijk afgesloten, wat leidt tot een verstoorde doorstroming en ischemie.

THR-317 – een anti-PlGF antilichaam voor de behandeling van DME of DR

THR-317 (anti-PlGF) is een recombinant humaan monoklonaal antilichaam tegen de receptorbindende zijde van de humane placentaire groeifactor (PlGF).

In december 2017 sloot ThromboGenics de patiëntenrekrutering af voor een fase I/II enkelblind onderzoek in verschillende onderzoekscentra om de veiligheid en doeltreffendheid te beoordelen van twee dosisniveaus THR-317 voor de behandeling van DME. De behandeling van de laatste patiënt is inmiddels afgerond en de belangrijkste resultaten van het onderzoek worden verwacht tegen het einde van het eerste halfjaar van 2018.

DME is een terrein waar de medische behoeften nog niet volledig zijn ingevuld. Gebleken is dat de huidige standaardbehandeling met anti-VEGF's in sommige gevallen suboptimale of laattijdige reacties oplevert bij patiënten.

Tijdens de jaarlijkse bijeenkomst van de Association for Research in Vision and Ophthalmology (ARVO) in mei 2017 werden preklinische gegevens voorgesteld die het therapeutische potentieel van THR-317 voor DR ondersteunen. Deze gegevens werden vervolgens gepubliceerd in Experimental Eye Research, een door collega's getoetst tijdschrift (hier kunt u het artikel online raadplegen).

1 Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) (2015). Diabetes. Fact sheet N°312. http://www.who.int/mediacentre/factsheets/fs312/en/ 21 May 2015.

2 International Diabetes Federation (IDF). (2017). IDF Atlas 2017. p.88

De gepubliceerde gegevens lieten zien dat de murine vorm van THR-317 de ziektekenmerken van DR kon verminderen. De auteurs bevestigen dat het anti-PlGF antilichaam een gezamenlijke farmacologie vertoont voor het lekken van bloedvaten in vergelijking met VEGF-remmers, maar dat de anti-PlGF therapie extra voordelen zou kunnen opleveren met betrekking tot de beperking van ontstekingen, dat deze therapie ook geen negatieve gevolgen heeft voor de neuroretina en dat fibrosereacties na netvliesschade uitblijven.

In juli 2017 spraken ThromboGenics en BioInvent af om hun langetermijnovereenkomst over de gezamenlijke ontwikkeling van nieuwe producten met anti-PlGF monoklonaal antilichaam, onder meer THR-317, te wijzigen. Op grond van de aangepaste overeenkomst krijgt ThromboGenics de volledige en exclusieve eigendom over THR-317 voor de ontwikkeling en commercialisering voor alle niet-oncologische indicaties. ThromboGenics blijft alle kosten dragen voor de ontwikkeling van THR-317 voor niet-oncologische indicaties en Biolnvent heeft recht op 5% van de economische waarde van het project.

THR-149 – een plasma kallikreïneremmer voor de behandeling van DME

THR-149 is een plasma kallikreïneremmer die wordt ontwikkeld voor de behandeling van DME. Het middel zal naar verwachting de klinische fase bereiken in het eerste halfjaar van 2018.

Plasma kallikreïne wordt gezien als een geldig doel voor de behandeling van DME doordat het pKal-kinin-systeem wordt afgeremd. Activering van dat systeem leidt tot lekkende bloedvaten in het netvlies, ontstekingen en angiogenese. Op grond van gegevens uit de literatuur hebben patiënten met DME hoge gehalten aan plasma kallikreïne en varieert dat gehalte in het glasachtig lichaam minder dan dat van VEGF bij die patiënten. Daarom kan een plasma kallikreïneremmer dienstig zijn voor de behandeling van DME-patiënten.

THR-687 – een small-molecule integrine-antagonist die in ontwikkeling is voor de behandeling van diabetische retinopathie, met of zonder DME

ThromboGenics is bezig met de ontwikkeling van THR-687, een integrine-antagonist, voor de behandeling van een brede groep patiënten met DR, met of zonder DME. THR-687 zal naar verwachting medio 2018 de klinische fase bereiken.

In september 2017 gaf ThromboGenics een posterpresentatie tijdens de 20e jaarlijkse bijeenkomst van de European Association for Vision and Eye Research (EVER), waarin nieuwe preklinische bewijzen werden gegeven die het gebruik van THR-687 voor de behandeling van vaatziekten van de achterkant van het oog ondersteunen. De poster had als titel "THR-687, a potent small molecule integrin receptor antagonist, holds promise as a therapeutic approach for back-of-the-eye vascular pathologies".

Uit de gepresenteerde onderzoeken kwam naar voren dat THR-687 een krachtige en veilige behandeling is, en bleek duidelijk dat het een rem zet op verschillende belangrijke fasen in de pathologische angiogenese, een belangrijke factor die leidt tot achteruitgang van het gezichtsvermogen bij DR.

De op EVER gepresenteerde gegevens verlenen verdere steun aan de ontwikkeling van THR-687 voor de behandeling van DR voordat dit middel in de klinische fase komt.

CIRCLE-onderzoek naar THR-409 (ocriplasmine) stopgezet

In december 2017 werd de rekrutering van patiënten voor het fase II-onderzoek (CIRCLE) stopgezet omdat de werving van patiënten niet vlotte.

CIRCLE was een gerandomiseerd, dubbelblind, placebogecontroleerd fase II-onderzoek in verschillende onderzoekscentra waarin de werkzaamheid en veiligheid werden beoordeeld van ocriplasmine voor het induceren van volledige posterieure loslating van het glasachtig lichaam (PVD) bij patiënten met NVDR.

Ocriplasmine bleek in het algemeen veilig te werken en goed te worden verdragen, zonder dat er nieuwe veiligheidsproblemen optraden. De gegevens van dit onderzoek zullen worden geanalyseerd en eind 2018/begin 2019 via een publicatie worden bekendgemaakt aan de wetenschappelijke wereld.

De middelen die eerder voor het CIRCLE-onderzoek werden gereserveerd, zullen nu worden toegewezen aan de verdere ontwikkeling van de huidige klinische pijplijn en nieuwe kandidaat-geneesmiddelen voor de klinische behandeling van diabetische oogziekten.

Update Oncurious

Uitbreiding pijplijn met vijf unieke immuno-oncologische middelen van de volgende generatie

In september 2017 bereikte Oncurious een akkoord met VIB over de verwerving van een portfolio met vijf unieke immunooncologische middelen van de volgende generatie, op basis van baanbrekend onderzoek in de laboratoria van VIB-KU Leuven en VIB-VUB.

VIB Discovery Sciences neemt het voortouw bij de preklinische ontwikkeling van deze nieuwe projecten. Met dit akkoord verhoogt VIB zijn aandeel in Oncurious tot 18,33%; de andere aandelen zijn in handen van ThromboGenics. ThromboGenics, de meerderheidsaandeelhouder, zal gedurende drie jaar een extra 2,1 miljoen euro investeren in Oncurious. Na opname in het kapitaal van Oncurious zal dit bedrag de deelneming van ThromboGenics op 85,8% brengen. VIB krijgt ook royalty's op de toekomstige inkomsten van elk van deze projecten.

Het verwerven van deze projecten betekent voor Oncurious een opwindende pijplijn met immuno-oncologische geneesmiddelen van de volgende generatie voor de behandeling van een breed spectrum van kankers, ter aanvulling van de klinische ontwikkeling die Oncurious blijft verrichten voor onderzoek naar weesgeneesmiddelen voor pediatrische kankeraandoeningen met TB-403.

Klinische update: TB-403 voor hersentumoren bij kinderen

De werving van patiënten voor een fase I/IIa-onderzoek met TB-403 is aan de gang. Het betreft een gehumaniseerd monoklonaal antilichaam tegen placentaire groeifactor (PlGF). PlGF wordt tot expressie gebracht bij verscheidene soorten kanker, waaronder medulloblastoom. Een sterke expressie van de PlGF-receptor neuropiline 1 blijkt te correleren met kleine totale overlevingskansen.

Het onderzoek werd opgestart in mei 2016 en wordt verricht door Beat Childhood Cancer (voorheen NMTRC). Het is de bedoeling 27 patiënten met recidiverend of refractair medulloblastoom te werven.

Medulloblastoom is de meest voorkomende kwaadaardige hersentumor in de pediatrie en verantwoordelijk voor 20% van alle hersentumoren bij kinderen. Een behandeling met TB-403 in relevante diermodellen voor medulloblastoom had gunstige gevolgen voor de groei van de tumor en de overleving.

In januari 2017 erkende de Europese Commissie TB-403 als weesgeneesmiddel voor de behandeling van medulloblastoom. Die erkenning stelt een farmaceutisch bedrijf in staat gebruik te maken van stimulansen van de Europese Unie om een geneesmiddel te ontwikkelen voor een zeldzame ziekte. Die stimulansen zijn bijvoorbeeld lagere kosten en bescherming tegen concurrentie wanneer het geneesmiddel op de markt komt.

TB-403 wordt ontwikkeld door Oncurious in samenwerking met BioInvent International. In juli wijzigden ThromboGenics en BioInvent hun langetermijnovereenkomst voor de ontwikkeling van een monoklonaal antilichaam. In de gewijzigde overeenkomst neemt BioInvent de leiding van het project voor de ontwikkeling van TB-403 voor alle oncologische indicaties en stijgt zijn aandeel in de economische waarde van TB-403 van 40 naar 50%. Beide partijen zullen de kosten voor de ontwikkeling van TB-403 voor oncologische indicaties in gelijke mate blijven dragen.

Update JETREA® VS en de rest van de wereld

JETREA® commercieel

In september 2017 kondigde ThromboGenics aan een overeenkomst te hebben bereikt waarmee het de rechten op JETREA® buiten de VS opnieuw verwierf van Alcon, een dochteronderneming van Novartis. Daarin werd gesteld dat ThromboGenics beter geschikt is om kleinere maar duurzamer langetermijnactiviteiten uit te bouwen met dit unieke geneesmiddel voor de behandeling van vitreomaculaire adhesie/vitreomaculaire tractie.

In het kader van deze overeenkomst ontving ThromboGenics 53,7 miljoen euro in contanten en investeerde Novartis Pharma AG voor 10 miljoen euro in aandelen van ThromboGenics. Het totale bedrag zal worden gebruikt om de pijplijn van ThromboGenics voor innovatieve behandelingen van diabetische oogaandoening verder te ontwikkelen.

In 2017 bedroeg het verkoopcijfer van JETREA® in de VS 2,9 miljoen euro. ThromboGenics ontving daarnaast 1,3 miljoen euro aan royalty's van Alcon/Novartis voor de verkoop buiten de VS.

ARVO 2017 Baltimore: presentaties van ocriplasminegegevens wijzen op blijvende belangstelling

Op de ARVO-bijeenkomst in mei 2017 werden 11 ocriplasmine-gerelateerde presentaties, abstracts en posters voorgesteld. Ze handelden over klinische gegevens uit de praktijk, verdere typering van resultaten uit verschillende onderzoeken, waaronder OASIS en ORBIT, en de kostenefficiëntie van ocriplasmine.

Nieuwe klinische en gezondheidseconomische gegevens voorgesteld op ASRS-bijeenkomst 2017 in Boston

Op de 35e jaarlijkse wetenschappelijke bijeenkomst van de American Society of Retina Specialists (ASRS) in Boston in augustus 2017 gaf ThromboGenics twee posterpresentaties.

De eerste was getiteld 'Comparison of Visual Results in Patients Receiving Vitrectomy for Macular Hole in One Eye and Ocriplasmin for Vitreomacular Traction in the Fellow Eye' (door Arshad M. Khanani et al). De conclusie van de presentatie was dat bij patiënten die een pars plana vitrectomie (PPV) moeten ondergaan voor de behandeling van een maculagat (FTMH) in één oog, een PPV in het andere oog met vitreomaculaire tractie kan worden voorkomen als deze patiënten vroegtijdig ocriplasmine krijgen toegediend zodat die vitromaculaire tractie niet verder evolueert naar een FTMH.

In de tweede posterpresentatie, getiteld 'Budget Impact Analysis of Ocriplasmin for the Treatment of Vitreomacular Traction in the United States', presenteerde dr. Peter K. Kaiser van de afdeling Oftalmologie aan het Cole Eye Institute, Cleveland Clinic, Cleveland, OH, gegevens van het gerandomiseerde OASISonderzoek, een twee jaar durend vervolgonderzoek waarin ocriplasmine werd geëvalueerd voor de behandeling van symptomatische VMA (VMT) met maculagat. Dr. Kaiser lichtte eveneens een nieuw budgettair impactmodel toe dat werd ontwikkeld overeenkomstig de best practice-principes die werden gepubliceerd door de International Society for Pharmacoeconomics and Outcomes Research.

3.2.6. Intellectuele eigendom

De kandidaat-geneesmiddelen van de vennootschap worden gedekt door verschillende octrooifamilies, die in eigendom zijn van de vennootschap of waarvoor de vennootschap een exclusieve licentie heeft verworven.

De aan ThromboGenics NV toegekende licenties zijn exclusieve licenties met het recht op sublicentie en er kunnen vooraf afgesproken royalty's op gelden. ThromboGenics NV heeft de rechten op alle interne intellectuele eigendom (IP). De vennootschap heeft een IP-specialist van een gerenommeerd octrooibureau in dienst die samenwerkt met verschillende toonaangevende internationale patentkantoren.

3.2.7. Groepsstructuur

Op 31 december 2017 heeft ThromboGenics NV een Amerikaanse 100% dochteronderneming, ThromboGenics, Inc., met zetel in Iselin (New Jersey), een Iers filiaal in Dublin en een dochteronderneming Oncurious NV, waarvan ThromboGenics voor 81,67% aandeelhouder is.

3.2.8. Infrastructuur

Sinds januari 2009 zijn alle onderzoekslaboratoria van de vennootschap gevestigd in het gebouw "Bio-Incubator", Gaston Geenslaan 1 te 3001 Leuven.

Op dit ogenblik betrekt de vennootschap een aantal modern uitgeruste onderzoekslabo's met onder meer cultuurkamers, een labo moleculaire biologie, een analytisch labo, een labo voor de expressie van eiwitten en een zuiveringslabo, een in vivo farmacologische eenheid en alle nodige ondersteunings- en opslagruimtes. De vennootschap beschikt over 2.000 vierkante meter labo- en kantoorruimte in Leuven.

De vennootschap is GMP-gecertificeerd (Verordening 2003/94/ EG) door de Belgische overheid (FAGG/AMPS), zowel voor commerciële partijen als partijen voor onderzoek van medische producten.

3.2.9. Investeringsbeleid

Behalve investeringen in labomateriaal en hard- en software heeft ThromboGenics geen andere grote investeringen verricht, noch is het verbintenissen aangegaan om in de nabije toekomst tot grote investeringen over te gaan.

De uitgaven voor O&O worden rechtstreeks gefinancierd en in deze context niet beschouwd als investeringen die geactiveerd worden op de balans overeenkomstig de relevante boekhoudregels. Volgens de IFRS-verslaglegging en conform onze eigen boekhoudprincipes worden alleen de kosten verbonden aan fase III-onderzoeken geactiveerd.

3.2.10. Gezondheids-, veiligheids- en milieureglementering

Als biotechbedrijf krijgt ThromboGenics dagelijks te maken met biologisch afval. Het is dus van het grootste belang dat er gewaakt wordt over de veiligheid en gezondheid van het personeel en de bezoekers en over de bescherming van het milieu. Het milieu-, gezondheids- en veiligheidsbeleid vormt een essentieel element van de bedrijfsstrategie van de vennootschap en maakt deel uit van de opleiding van elk personeelslid. Dat betekent dat er een onafgebroken proces plaatsvindt waarbij voortdurend verbeteringen en innovaties ingevoerd worden.

Zodoende wil ThromboGenics een omgeving creëren die niet alleen veilig is voor zijn eigen medewerkers, maar ook voor zijn externe medewerkers, zijn bezoekers en het milieu in het algemeen.

3.3. Bespreking van de geconsolideerde jaarrekening

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de EU en werd op 15 maart 2018 goedgekeurd door de Raad van Bestuur.

Resultatenrekening

In 2017 bedroegen de totale inkomsten van ThromboGenics 9,1 miljoen euro, tegenover 7,1 miljoen euro in 2016.

De inkomsten in 2017 kwamen uit:

  • Verkoop van JETREA® in de VS,
  • Door Alcon/Novartis tot 15 september 2017 betaalde royalty's in het kader van de strategische overeenkomst voor de commercialisering van JETREA® buiten de VS
  • Winstoverdracht (brutomarge verminderd met distributiekosten) vanaf 16 september 2017 in verband met verkoop geboekt door Alcon/Novartis in het kader van de overgangsregeling met Alcon/Novartis
  • Vergoeding door Alcon/Novartis voor het geschil in het verleden betreffende de kostprijs van vials.

De omzet uit vials in de VS was goed voor 2,9 miljoen euro. Door Alcon/Novartis betaalde royalty's in het kader van de licentieovereenkomst bedroegen 1,3 miljoen euro. ThromboGenics ontving 1,7 miljoen euro van Alcon/Novartis als winstoverdracht. Alcon/ Novartis betaalde 3,3 miljoen euro als regeling voor de betwiste kostprijs van vials in de vorige jaren.

De brutowinst bedroeg in 2017 6,5 miljoen euro. In 2016 rapporteerde ThromboGenics een brutowinst van 0,2 miljoen euro.

De uitgaven voor O&O in 2017 bedroegen 23,2 miljoen euro, tegenover 24,7 miljoen euro in 2016. De O&O-uitgaven stegen door de investeringen in de preklinische activiteiten voor THR-687 en THR-149 en de klinische activiteiten voor THR-317. De stijging werd gecompenseerd door de lagere afschrijvingen van geactiveerde kosten voor de ontwikkeling van klinische fase III-onderzoeken in verband met ocriplasmine ten gevolge van de in 2016 geboekte waardeverminderingen. De overheidssubsidies en opbrengsten uit de doorrekening van kosten worden zoals in 2016 afgetrokken van de uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling.

In 2017 bedroegen de distributiekosten van ThromboGenics 4,2 miljoen euro, tegenover 4,3 miljoen euro in 2016. De commerciële activiteiten in de VS bereikten een break-even.

In 2017 ontving ThromboGenics overige inkomsten van 50,4 miljoen euro, 45,0 miljoen euro en 4,5 miljoen euro van Alcon/Novartis ter vergoeding van resp. de beëindiging van de overeenkomst voor de commercialisering van JETREA® buiten de VS en voor interventie in verouderde geneesmiddelengrondstoffen.

Ten gevolge daarvan boekte ThromboGenics een bedrijfswinst van 23,3 miljoen euro in vergelijking met een verlies van 60,8 miljoen euro in 2016.

Het financieel inkomen van ThromboGenics bedroeg in 2017 0,4 miljoen euro. In 2016 rapporteerde de vennootschap een financieel inkomen van 0,5 miljoen euro.

In 2017 bedroegen de financiële uitgaven 1,0 miljoen euro. In 2017 boekte ThromboGenics een nettowinst van 22,6 miljoen euro, wat leidde tot een verwaterd resultaat per aandeel van 0,62 euro tegenover 1,67 euro verwaterd verlies per aandeel in 2016.

Kasstroom

Op 31 december 2017 bezat ThromboGenics 115,7 miljoen euro aan geldmiddelen, kasequivalenten, niet-beschikbare banktegoeden en beleggingen, tegenover 80,1 miljoen euro aan geldmiddelen, kasequivalenten en beleggingen op 31 december 2016.

Balans

Het balanstotaal op 31 december 2017 bedroeg 150,4 miljoen euro. De post geldmiddelen, kasequivalenten, niet-beschikbare banktegoeden en beleggingen was goed voor 77% van dat bedrag. De Groep heeft geen externe financiële schulden.

ThromboGenics NV werd opgericht op 30 mei 2006 met een kapitaal van 62.000 euro, vertegenwoordigd door 11.124 aandelen. Op 31 december 2017 bedroeg het maatschappelijk kapitaal 162.404.449,73 euro, vertegenwoordigd door 36.094.349 aandelen.

3.4. Bespreking van de statutaire jaarrekening

Boekjaar 2017 werd afgesloten met een winst van 23,8 miljoen euro, tegenover een verlies van 67,3 miljoen euro voor boekjaar 2016.

De bedrijfsopbrengsten van het boekjaar 2017 bedroegen 80,3 miljoen euro en bestaan uit

  • 45 miljoen euro en 4,5 miljoen euro van Alcon/Novartis ter vergoeding van resp. de beëindiging van de overeenkomst voor de commercialisering van JETREA® buiten de VS en als interventie in verouderde geneesmiddelengrondstoffen,
  • 1,3 miljoen euro uit royalty's,
  • 6,3 miljoen euro uit productverkopen, waarvan 3,2 miljoen euro is opgenomen als regeling voor de betwiste kostprijs van vials in de vorige jaren,
  • 17 miljoen euro uit geactiveerde O&O-uitgaven, en
  • het saldo heeft betrekking op overgedragen kosten en overige bedrijfsopbrengsten.

De bedrijfskosten over het boekjaar 2016 bedroegen 55,6 miljoen euro, tegenover 88,1 miljoen euro over het boekjaar 2016. Deze bedrijfskosten omvatten

  • 11,2 miljoen euro aankopen,
  • 13,8 miljoen euro diensten en diverse goederen,
  • 7,6 miljoen euro bezoldigingen en sociale lasten,
  • 22,4 miljoen euro afschrijvingen, en
  • 0,6 miljoen euro overige bedrijfskosten.

De bedrijfswinst bedraagt aldus 24,7 miljoen euro, tegenover een verlies van 68,1 miljoen euro een jaar eerder.

De financiële resultaten waren als volgt: 0,3 miljoen euro financiële opbrengsten versus 1,2 miljoen euro financiële kosten.

Boekjaar 2017 werd bijgevolg afgesloten met een winst van 23,8 miljoen euro, tegenover een verlies van 67,3 miljoen euro voor boekjaar 2016.

Verder werd over het boekjaar 2017 een bedrag van 0,2 miljoen euro geïnvesteerd, voornamelijk in IT- en laboratoriumapparatuur en kantoorinrichting.

Beoordeling van de continuïteit

Overeenkomstig artikel 96, zesde lid van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en na overleg, heeft de Raad van Bestuur om de hiernavolgende reden beslist de waarderingsregels in de veronderstelling van continuïteit te behouden:

Op 31 december 2017 vertoont de balans nog steeds een sterk eigen vermogen van 137,9 miljoen euro, tegenover 114,1 miljoen euro op 31 december 2016. Rekening houdend met de huidige beschikbare kaspositie, is de Raad van Bestuur van mening dat alle financiële verplichtingen nagekomen zullen worden en dat alle onderzoeksprogramma's voortgezet kunnen worden. Vermits de vennootschap al haar financiële verplichtingen kan nakomen, meent de Raad van Bestuur dat de vennootschap haar bedrijfsactiviteiten kan voortzetten.

3.5. Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de risico's van de vennootschap

In toepassing van het Belgische vennootschapsrecht heeft ThromboGenics beslist om de aandeelhouders te informeren over de risico's die verband houden met de vennootschap.

In 2017 en de komende jaren was en blijft ThromboGenics onderworpen aan de volgende risico's:

  • Om toegang te krijgen tot de markt moet een kandidaatgeneesmiddel dure preklinische en klinische onderzoeken doorlopen. Dat vergt veel tijd en de resultaten van elke fase zijn steeds onzeker.
  • De richtlijnen en voorschriften van de diverse autoriteiten zijn zeer streng en het is moeilijk om de impact ervan te voorspellen.
  • Het zal in de toekomst nog belangrijker en moeilijker worden om terugbetaling van geneesmiddelen te verkrijgen.
  • ThromboGenics is in grote mate afhankelijk van partners die expertise en verschillende vormen van ondersteuning bieden betreffende de productie, verkoop, marketing, technologie en licentie- en eigendomsrechten.
  • ThromboGenics is afhankelijk van partnerships voor zijn O&O-activiteiten.
  • Het is mogelijk dat ThromboGenics de ontwikkelingsprogramma's van de middelen in de pijplijn niet met succes zal kunnen voltooien of dat de vennootschap er niet in slaagt de nodige licenties en vergunningen te bemachtigen om de nieuwe geneesmiddelen op de markt te brengen.
  • Ook is het mogelijk dat de markt niet rijp is voor de kandidaat-geneesmiddelen van ThromboGenics of dat zij deze niet accepteert.
  • Er heerst veel concurrentie op de farmaceuticamarkt, waarbij sommige spelers veel meer financiële en menselijke middelen hebben dan onze vennootschap.

  • Het is mogelijk dat ThromboGenics te maken krijgt met schendingen van octrooien of andere intellectuele eigendomsrechten.

  • ThromboGenics kan te maken krijgen met moeilijkheden om gekwalificeerd personeel aan te trekken.
  • ThromboGenics heeft geen achtergrond van operationele winstgevendheid, omdat aanzienlijke bedragen worden besteed aan onderzoek en ontwikkeling. Niettemin is het gestart met de uitwerking van gedetailleerde contante-waardeberekeningen (NPV) voor de O&O-pijplijn.
  • Het is mogelijk dat ThromboGenics bijkomende financiële investeringen nodig heeft om de bestaande activiteiten en/of bijkomende activiteiten in de toekomst te financieren.
  • ThromboGenics heeft momenteel maar één commercieel product (JETREA®).
  • Op 15 september 2017 verwierf ThromboGenics opnieuw de volledige wereldwijde rechten op JETREA® van Alcon, een dochteronderneming van Novartis. Hoewel Alcon/Novartis nauw zal samenwerken met ThromboGenics om de continuïteit te waarborgen en ervoor te zorgen dat bestaande en toekomstige klanten toegang hebben tot JETREA® tijdens een overgangsperiode van maximaal twee jaar (tot 15 september 2019), valt moeilijk te voorspellen of en hoeveel commercieel succes JETREA® zal hebben.

In 2017 was het financieel risicobeheer toegespitst op:

  • Kredietrisico: het kredietrisico is beperkt tot de Amerikaanse markt, waar de vennootschap drie belangrijke distributeurs heeft, die alle kredietwaardig zijn. Ten gevolge van de terugkeer van de rechten op JETREA® in de markt buiten de VS, zal ThromboGenics de kredietwaardigheid van elke commerciële partner nagaan met de hulp van een gerenommeerd agentschap.
  • Renterisico: de Groep heeft geen financiële schulden en loopt dus geen wezenlijke renterisico's.
  • Valutarisico: ThromboGenics loopt in beperkte mate wisselkoersrisico's en zal inkomende vreemde valuta (USD en GBP) gebruiken om uitgaande vreemde valuta te dekken. De geschatte uitgaven in USD die hoger liggen dan de inkomsten in die munt worden voor 2018 gedekt door USD deposito's met kortetermijnrente. Overige niet-gedekte uitgaande vreemde valuta's worden voldaan door omwisseling van euro's. In 2017 heeft ThromboGenics geen gebruikgemaakt van financiële instrumenten om deze risico's af te dekken.

In dit punt wordt elk genoemd risico nader beschreven:

Voor een geneesmiddel op de markt komt, heeft het een lange weg afgelegd

De Groep moet voor haar kandidaat-geneesmiddelen uitgebreide preklinische en klinische studies uitvoeren om de veiligheid en werkzaamheid bij mensen aan te tonen, vooraleer de nodige goedkeuring van de regelgevende overheden wordt verkregen om deze kandidaat-geneesmiddelen op de markt te brengen. Klinische studies zijn duur en tijdrovend, en de resultaten ervan zijn uiterst onzeker en moeilijk te voorspellen.

Overheidsreglementering en richtlijnen

De kandidaat-geneesmiddelen van ThromboGenics moeten toestemming krijgen om op de markt te worden gebracht van het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA), de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) en van regelgevende overheden in andere rechtsgebieden alvorens ze mogen worden verhandeld en gecommercialiseerd. Elke regelgevende overheid kan haar eigen eisen stellen en kan weigeren om toestemming te geven (en daarbij het marktpotentieel beperken), of kan bijkomende gegevens vragen alvorens toestemming te geven om het respectieve kandidaat-geneesmiddel op de markt te brengen, ook al werd deze toestemming al door andere overheden gegeven. Veranderingen in het beleid van de regelgevende overheden om toestemming te verlenen of de invoering van bijkomende vereisten door een regelgevende overheid, kunnen ervoor zorgen dat kandidaat-geneesmiddelen geen toestemming krijgen om op de markt te worden gebracht, of dat de toestemming wordt uitgesteld. De procedure voor het verkrijgen van toestemming van de regelgevende overheden is bovendien duur en zeer tijdrovend, en het is moeilijk om te voorspellen hoeveel tijd ervoor nodig is.

Terugbetaling van geneesmiddelen zal in de toekomst nog belangrijker worden

Hoewel de Groep JETREA® rechtstreeks heeft gelanceerd in de VS en via haar licentiehouder Alcon/Novartis in de belangrijkste markten waar het middel wordt terugbetaald of een positieve aanbeveling heeft gekregen van de betrokken nationale overheden, is er geen garantie dat het terugbetalingsklimaat in deze landen in de toekomst ongewijzigd blijft. (Opmerking: de licentieovereenkomst met Alcon/ Novartis werd beëindigd op 15 september 2017, zie verderop.)

Steunen op samenwerking met partners

De vennootschap is afhankelijk van huidige en toekomstige samenwerkingsovereenkomsten met ervaren partners voor de ontwikkeling en succesvolle commercialisering van de huidige en toekomstige kandidaat-geneesmiddelen. Deze samenwerkingsverbanden kunnen ertoe leiden dat de ontwikkeling en commercialisering van de kandidaat-geneesmiddelen buiten de controle van de Groep gebeurt en kunnen tot gevolg hebben dat de vennootschap afstand moet doen van belangrijke rechten. Indien de Groep geen samenwerkingsverbanden kan aangaan of alleen tegen ongunstige voorwaarden, kan de ontwikkeling en commercialisering van de bestaande of toekomstige kandidaatgeneesmiddelen vertraging oplopen en kunnen de kosten in dat verband toenemen.

Door de afhankelijkheid van samenwerkingsverbanden met ervaren partners is de Groep vatbaar voor bepaalde risico's, zoals:

  • de vennootschap is mogelijk niet in staat om de middelen of tijd die de partners besteden aan haar kandidaat-geneesmiddelen te controleren;
  • de vennootschap moet mogelijk belangrijke rechten afstaan, met inbegrip van intellectuele eigendomsrechten, marketingen distributierechten;
  • de vennootschap kan mogelijk toekomstige inkomsten (bv. mijlpaalbetalingen of royalty's) mislopen indien een partner er niet in slaagt een van de kandidaat-geneesmiddelen te ontwikkelen of te commercialiseren;
  • een partner kan op eigen kracht of in samenwerking met anderen een concurrerend kandidaat-geneesmiddel ontwikkelen;
  • de bereidheid of het vermogen van een partner om de verplichtingen op grond van de samenwerkingsovereenkomsten na te komen, kunnen nadelig beïnvloed worden door veranderingen in de bedrijfsstrategie van de partner.

Indien een van deze risico's realiteit zou worden, kan de mogelijkheid van de vennootschap om een of meerdere kandidaat-geneesmiddelen te ontwikkelen en te commercialiseren in het gedrang komen.

De Groep kan niet voorspellen dat de kandidaat-geneesmiddelen voldoende veilig of werkzaam zullen blijken in de studies om toestemming te krijgen om op de markt te worden gebracht. Bovendien kunnen de resultaten van eerdere preklinische of klinische studies niet nauwkeurig voorspellen wat de resultaten van studies in een later stadium zullen zijn. De klinische studies kunnen opgeschort of stopgezet worden indien de deelnemende proefpersonen blootgesteld worden aan onaanvaardbare of onverwachte gezondheidsrisico's of indien de kandidaat-geneesmiddelen ongewenste neveneffecten veroorzaken. Klinische studies kunnen worden stopgezet of de ontwikkeling van de kandidaat-geneesmiddelen kan worden gestopt als de klinische studies negatieve of onbesliste resultaten opleveren of als de resultaten ervan geen beter veiligheids- of doeltreffendheidsprofiel uitwijzen dan vergelijkbare geneesmiddelen.

De vennootschap is afhankelijk van derden voor de productie en levering van de werkzame stoffen voor sommige van haar kandidaatgeneesmiddelen waarvan ze eerst klinische en dan commerciële hoeveelheden moet produceren. Indien de vennootschap een van deze externe partijen als partner en/of als Contract Manufacturing Organization (CMO) zou verliezen of indien deze er niet in zouden slagen om tijdig, in voldoende hoeveelheden en tegen een aanvaardbare prijs bestanddelen van bevredigende kwaliteit te leveren, kunnen de klinische ontwikkeling en de commercialisering van de kandidaat-geneesmiddelen aanzienlijk vertraagd worden.

Afhankelijkheid van partners op het gebied van O&O

De Groep is afhankelijk van externe klinische onderzoekers en klinische onderzoeksorganisaties om de klinische studies uit te voeren (bv. om de werking van die klinische studies te controleren, de gegevens te verzamelen en te analyseren, te rapporteren over de veiligheid en voor andere activiteiten). De Groep heeft mogelijk geen of beperkte controle over deze externe partijen en de Groep kan niet garanderen dat zij hun verplichtingen op efficiënte en tijdige wijze en overeenkomstig hun contractuele verplichtingen zullen nakomen. Indien de klinische onderzoekers en andere externe partijen hun verplichtingen niet nakomen, kan de vennootschap geconfronteerd worden met aanzienlijke vertragingen of mislukkingen in haar klinische ontwikkelingsprogramma's en in de commercialisering van de kandidaat-geneesmiddelen.

De werving van patiënten voor de studies is afhankelijk van heel wat factoren, zoals:

  • het beperkte aantal patiënten dat beschikbaar is voor klinische studies, temeer daar dezelfde patiënten vaak gesolliciteerd worden door verschillende studieprogramma's, vaak voor totaal andere behandelingen;
  • de gekozen therapeutische eindpunten voor evaluatie;
  • de deelnamecriteria voor de klinische studie;
  • de omvang van de patiëntenpopulatie die vereist is om de therapeutische eindpunten van de studie te analyseren;
  • de mogelijkheden van de Groep of haar mogelijke toekomstige partners om onderzoekers met de nodige bekwaamheid en ervaring te rekruteren;

  • het aantal patiënten dat de studie verlaat vooraleer het eindpunt wordt bereikt; en

  • de beschikbaarheid van adequate verzekering.

De vennootschap en haar mogelijke toekomstige partners kunnen moeilijkheden ondervinden bij het werven van patiënten voor klinische studies, wat de kostprijs van deze studies kan verhogen en een negatieve invloed kan hebben op de planning en de resultaten ervan.

Het is mogelijk dat ThromboGenics geen licentie kan verkrijgen voor nieuwe kandidaat-geneesmiddelen of deze niet kan aankopen tegen commercieel redelijke voorwaarden.

De vennootschap vertrouwt op haar mogelijkheden om veelbelovende, nieuwe intellectuele eigendommen en middelen met een groot commercieel potentieel te identificeren en te ontwikkelen, bijvoorbeeld via het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) en via de KULeuven en andere partners, of via haar eigen onderzoek en ontwikkeling. ThromboGenics heeft de intentie om een licentie te nemen op de rechten voor dergelijke middelen, ze te kopen of bedrijven over te nemen die ze in eigendom hebben. Het toekomstige succes hangt derhalve deels af van de mogelijkheid van de vennootschap om samenwerkingsverbanden aan te gaan met derden om een licentie te verkrijgen voor veelbelovende, nieuwe middelen of om de aankoop van deze middelen of de overname van bedrijven die ze in eigendom hebben te financieren.

De markt is mogelijk niet klaar voor de kandidaatgeneesmiddelen van de vennootschap

Het is mogelijk dat de kandidaat-geneesmiddelen van de Groep, bij commercialisering, niet aanvaard worden door patiënten, artsen of andere gezondheidswerkers. De aanvaarding door de markt van de kandidaat-geneesmiddelen van de Groep hangt onder meer af van de mogelijkheden van de Groep om de klinische werkzaamheid, de veiligheid, de verhouding tussen kostprijs en werkzaamheid, het gebruiksgemak en de gemakkelijke toedieningswijze aan te tonen, naast de andere voordelen ten opzichte van alternatieve behandelingsmogelijkheden. Bovendien kan de mate waarin de vennootschap of haar partners de kandidaat-geneesmiddelen kunnen promoten, op de markt kunnen brengen of voldoende dekking of terugbetaling van derde betalers kunnen verkrijgen, een invloed hebben op het commerciële succes van de kandidaat-geneesmiddelen. Als de kandidaat-geneesmiddelen van de Groep niet worden aanvaard door de markt, kan dit een belangrijke negatieve invloed hebben op het vermogen van de Groep om inkomsten te verwerven.

De farmaceutische markt is zeer concurrentieel

De markt voor farmaceutische geneesmiddelen is zeer concurrentieel. De vennootschap moet het hoofd bieden aan aanzienlijke concurrentie op het gebied van onderzoek, licenties, ontwikkeling en commercialisering van de kandidaat-geneesmiddelen.

De kans bestaat dat de concurrenten van de Groep sneller geneesmiddelen op de markt brengen dan de vennootschap, dat ze geneesmiddelen ontwikkelen die werkzamer of goedkoper zijn, of die een beter profiel qua nevenwerkingen hebben dan de geneesmiddelen en/of kandidaat-geneesmiddelen van de vennootschap. Concurrerende geneesmiddelen kunnen sneller of in grotere mate worden aanvaard door de markt dan de geneesmiddelen van de vennootschap en de medische vooruitgang of snelle technologische ontwikkelingen bij de concurrentie kunnen ertoe leiden dat de kandidaat-geneesmiddelen van de vennootschap niet-concurrerend of verouderd worden nog voor de vennootschap haar onderzoeks-, ontwikkelings-, lanceringsen commercialiseringskosten kan terugverdienen.

Blootstelling aan schending van octrooien en eigendomsrechten

Het succes van de Groep hangt deels af van de mate waarin de Groep en haar licentiehouders octrooien en andere intellectuele eigendomsrechten kunnen verwerven, behouden en uitoefenen. De kandidaat-geneesmiddelen van de vennootschap worden gedekt door verschillende octrooifamilies die ofwel in licentie gegeven zijn aan de Groep of eigendom zijn van de Groep. De Groep kan niet garanderen dat zijzelf of haar licentiehouders deze octrooirechten kunnen verkrijgen of behouden tegenover derden die de geldigheid, het toepassingsgebied en de uitvoerbaarheid ervan betwisten.

Aangezien het octrooirecht in de biofarmaceutische industrie een erg onzekere zaak is, kan de Groep niet garanderen dat haar octrooiaanvragen of toekomstige octrooiaanvragen toegekend zullen worden. De vennootschap kan evenmin garanderen dat het toepassingsgebied van de huidige of toekomstige octrooien ruim genoeg zal zijn om een commercieel betekenisvolle bescherming te bieden tegen inbreuken door of concurrentie van derden.

De Groep is ook afhankelijk van bedrijfsgeheimen, gegevensexclusiviteit en eigen knowhow om haar geneesmiddelen, kandidaat-geneesmiddelen en productieplatforms te beschermen. De Groep levert redelijke inspanningen om haar bedrijfsgeheimen te beschermen, maar kan niet garanderen dat haar partners, werknemers, consultants, adviseurs of andere derden, bewust of onopzettelijk, informatie openbaar maken aan concurrenten.

De handhaving van octrooien, bedrijfsgeheimen, knowhow en andere intellectuele eigendomsrechten is duur, tijdrovend en uiterst onzeker. De vennootschap kan niet garanderen dat het met succes kan voorkomen dat haar octrooien, handelsgeheimen, knowhow en andere intellectuele eigendomsrechten en die van haar licentiehouders onrechtmatig gebruikt worden.

Het succes van de Groep hangt deels af van de mogelijkheden om te werken zonder inbreuk te plegen op de eigendomsrechten van anderen of daarvan misbruik maken. De Groep kan niet garanderen dat haar activiteiten of die van haar licentiehouders geen inbreuk maken op de octrooien van derden. Het kan gebeuren dat de Groep aanzienlijke tijd en inspanningen moet besteden of aanzienlijke kosten moet dragen om zich te verdedigen tegen rechtszaken over octrooien die tegen de Groep of haar licentiehouders zijn aangespannen. Indien wordt geoordeeld dat de Groep of haar licentiehouders inbreuk hebben gepleegd op de octrooien of andere intellectuele eigendomsrechten van anderen, kan de Groep onderworpen worden aan belangrijke eisen tot schadevergoeding. Dat kan een grote invloed hebben op de kasstroom en financiële toestand van de vennootschap.

Afhankelijkheid van belangrijke personeelsleden en managers en mogelijkheid om deze aan te trekken

Als kleine onderneming met momenteel minder dan 100 werknemers en managers, is het succes van de Groep afhankelijk van de voortgezette inspanningen van de managers en het wetenschappelijk personeel, en van de mate waarin de Groep belangrijke relaties in stand kan houden met toonaangevende academische instellingen, wetenschappers en bedrijven, in het licht van de intense concurrentie voor dergelijk personeel en dergelijke instellingen en bedrijven. Hoewel ThromboGenics over het algemeen geen grote problemen heeft gehad bij het behouden van belangrijke werknemers, kunnen de werknemers hun tewerkstelling bij de Groep op elk ogenblik beëindigen.

De Groep boekt operationele verliezen sinds de oprichting

Enkel in 2012, 2013 en 2017 rapporteerde de Groep een nettowinst. Deze nettowinst was integraal toe te schrijven aan eenmalige mijlpaalbetalingen die werden ontvangen in het kader van de overeenkomst met Alcon/Novartis en de eenmalige betaling die werd ontvangen van Alcon/Novartis in het kader van de regeling van het geschil met Alcon/Novartis (zie toelichting 5.8 voor meer informatie).

De terugkerende productverkopen van JETREA® in de VS, aangevuld met inkomsten uit de verkoop buiten de VS, zijn voorlopig ontoereikend om de terugkerende kosten in verband met het product te dekken. De vennootschap zet momenteel een infrastructuur op die aan de verwachte markt is aangepast, met het oog op winstgevendheid. Deze inspanningen zullen mogelijk vruchteloos blijken met als gevolg dat de kosten in verband met JETREA® niet zullen worden gedekt. In dat geval is het mogelijk dat de vennootschap de commercialisering van JETREA® niet kan voortzetten. (Opmerking: de licentieovereenkomst met Alcon werd beëindigd op 15 september 2017, zie verderop).

De Groep verwacht dat ze in de toekomst nog meerdere jaren een nettoverlies zal boeken aangezien bijkomende uitgaven nodig zijn voor onderzoek en ontwikkeling alsook voor algemene en administratieve kosten, teneinde de geneesmiddelen en kandidaat-geneesmiddelen verder te ontwikkelen en te commercialiseren. Deze verliezen zullen onder andere het bedrijfskapitaal en het eigen vermogen van de Groep doen afnemen. Indien de vennootschap niet in staat is om haar geneesmiddelen en kandidaat-geneesmiddelen succesvol te ontwikkelen en te commercialiseren, wordt zij mogelijk nooit winstgevend.

Behoefte aan extra financiële middelen en toegang tot kapitaal

De financieringsbehoeften van de vennootschap zijn afhankelijk van vele factoren, waaronder de vooruitgang, kosten en planning van haar onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten, de kosten en timing om goedkeuring te verkrijgen van de regelgevende overheden, de kosten voor het verwerven, behouden en uitoefenen van haar octrooien en andere intellectuele eigendomsrechten, de kosten en tijd om ervoor te zorgen dat haar geneesmiddelen en kandidaat-geneesmiddelen worden geproduceerd, de kosten en tijd voor het verwerven van verkoop- en marketingcapaciteiten, en de voorwaarden en timing bij het sluiten van samenwerkings- en licentieovereenkomsten en andere partnerships.

Momenteel slechts één commercieel product

De omzet zal in de komende jaren afhangen van de verkoop van slechts één product, JETREA®. De overige kandidaat-geneesmiddelen zijn nog in een vroeg stadium van ontwikkeling en de kans dat deze succesvol op de markt kunnen gebracht worden, is onzeker. Aangezien de vennootschap de ontwikkeling van JETREA® voor bijkomende indicaties zoals niet-proliferatieve diabetische retinopathie (NPDR) heeft stopgezet, zal het commerciële succes van dit geneesmiddel voornamelijk afhangen van de acceptatie ervan door artsen en patiënten voor de goedgekeurde indicaties (namelijk de behandeling van sVMA/VMT).

Toekomstig commercieel succes van JETREA®

Op 15 september 2017 verwierf ThromboGenics opnieuw de volledige wereldwijde rechten op JETREA® van Alcon, een dochteronderneming van Novartis, op grond van een wederzijdse overeenkomst dat de kenmerken van JETREA® ThromboGenics beter geschikt maken om voor de betrokken nichemarkt duurzame bedrijfsactiviteiten voor de lange termijn uit te bouwen. Hoewel Alcon/Novartis nauw zal samenwerken met ThromboGenics om de continuïteit te waarborgen en ervoor te zorgen dat bestaande en toekomstige klanten toegang hebben tot JETREA® tijdens een overgangsperiode van maximaal twee jaar (tot 15 september 2019), valt moeilijk te voorspellen of en hoeveel commercieel succes JETREA® zal hebben. Aangezien ThromboGenics niet over een toeleverings- en distributieketen beschikt, noch een commerciële infrastructuur heeft buiten de Verenigde Staten, zal het toekomstige commerciële succes van JETREA® grotendeels afhangen van de vraag of de vennootschap erin zal slagen samenwerkingsverbanden met derde partijen op te zetten teneinde patiënten en artsen in kritische markten en regio's overal ter wereld toegang tot JETREA® te blijven verschaffen.

3.6. Andere informatie overeenkomstig het Belgische vennootschapsrecht

3.6.1. Gebeurtenissen die zich na het einde van het boekjaar hebben voorgedaan

Op 5 januari 2018 vond een kapitaalsverhoging plaats waarbij 2.177.226 nieuwe aandelen werden uitgegeven op 22 januari 2018, zodat er in totaal het toaal aantal aandelen 38.271.575 bedraagt en het kapitaal op 172.200.753,04 euro wordt gebracht. Tot op heden zijn er geen andere gebeurtenissen na het einde van het boekjaar 2017 gekend die impact hebben op de jaarrekening van 2017.

3.6.2. Belangrijke trends die de evolutie van de vennootschap beïnvloeden

Op datum van afsluiting was de marktkapitalisatie lager dan het eigen vermogen, wat aanleiding heeft gegeven tot een onderzoek op bijzondere waardevermindering (impairment test). De activa op de balans van ThromboGenics die onderhevig kunnen zijn aan een bijzondere waardevermindering, zijn de boekwaarde van JETREA® VMA/VMT en de Immateriële activa bestaande uit de in licentie gegeven integrine-antagonist van Galapagos.

De terugkeer van de rechten op JETREA® buiten de VS, die van Alcon/Novartis opnieuw naar ThromboGenics overgingen, leidt tot een nieuwe organisatie die de commercialisering van het middel in en buiten de VS zal ondersteunen. In 2018 zal worden geïnvesteerd in een redelijk aantal marketingmedewerkers en medische personeelsleden met de bedoeling om tegen eind 2019 te komen tot een algemene break-even voor JETREA® in de sVMAbedrijfsactiviteiten. De prognoses voor een dergelijk opzet en de bijbehorende aannames wijzen erop dat er geen bijzondere waardevermindering met betrekking tot JETREA® nodig is.

Uit het onderzoek met betrekking tot de in licentie gegeven integrine-antagonist van Galapagos, is gebleken dat er geen bijzondere waardevermindering nodig was. De vennootschap had aan het einde van het boekjaar voldoende liquide middelen beschikbaar om na zorgvuldige selectie nieuwe middelen klinisch te ontwikkelen tot fase II.

3.6.3. O&O

Gezien de activiteiten van ThromboGenics zijn de kosten voor O&O zeer hoog. Ze vertegenwoordigen meer dan 68% van de totale bedrijfskosten voor het boekjaar 2017, tegenover 69% in 2016. De overheidssubsidies en opbrengsten uit de doorrekening van kosten worden afgetrokken van de uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling in het boekjaar 2014. Deze kosten bestaan hoofdzakelijk uit kosten voor klinische onderzoeken betaald aan derden, personeelskosten en afschrijvingen. In 2013 werd een eerste afschrijving geboekt op de geactiveerde kosten met betrekking tot de ontwikkeling in fase III van ocriplasmine voor de behandeling van vitreomaculaire adhesie.

3.6.4. Beoordeling van de continuïteit

Hiervoor verwijzen we naar punt 3.4.

3.6.5. Dochterondernemingen – Bedrijfscombinaties

Op 3 april 2015 werd Oncurious NV opgericht als naamloze vennootschap die volledig eigendom is van ThromboGenics NV en ThromboGenics Inc. Oncurious NV is een onderneming die zich richt op de ontwikkeling van innovatieve geneesmiddelen voor de behandeling van hersentumoren bij kinderen. Bij de oprichting deed ThromboGenics NV een inbreng in natura bestaande uit de octrooien en knowhow betreffende TB-403 en de rechten en verplichtingen op grond van de contracten voor TB-403 ter waarde van 1.375.000 euro. ThromboGenics deed ook een inbreng in contanten van 1.000 euro.

Op 6 augustus 2015 deed het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) een inbreng in natura in Oncurious NV in de vorm van de mogelijke toekomstige royalty's op TB-403 (oncologie) ter waarde van 125.000 euro. Na deze transactie werd het VIB minderheidsaandeelhouder naast ThromboGenics, met 125 van de in totaal 1.501 aandelen.

Op 12 december 2017 oefende Oncurious het recht uit om een converteerbare lening van 3,0 miljoen euro die door ThromboGenics NV was toegezegd om te zetten in 3.000 aandelen van ThromboGenics NV.

Op 12 december 2017 sloot Oncurious NV congruente overeenkomsten met VIB en ThromboGenics NV waarbij VIB een inbreng in natura doet in de vorm van de rechten op 5 immuno-oncologische behandeldoelen in ruil voor 857 nieuwe aandelen. Wanneer dit wordt gerealiseerd, zal Oncurious NV in totaal over 5.358 aandelen beschikken. Daarvan zal ThromboGenics NV 4.376 aandelen of 81,67% bezitten en VIB 982 aandelen of 18,33%. Bij een in de toekomst uit te voeren proof of concept van een of meer immuno-oncologische behandeldoelen, bezit VIB een calloptie op maximaal 1.230 aandelen die door ThromboGenics NV moeten worden verstrekt.

Op 31 december 2017 heeft ThromboGenics NV één Amerikaanse 100% dochteronderneming, ThromboGenics, Inc., met zetel in Iselin (New Jersey), een Iers filiaal in Dublin en een dochteronderneming Oncurious NV, waarvan ThromboGenics NV momenteel voor 81,67% aandeelhouder is.

3.6.6. Financiële instrumenten

Hiervoor verwijzen we naar punt 5.5.6.

3.6.7. Financieel risicobeheer

Hiervoor verwijzen we naar punt 5.5.7.

3.6.8. Onafhankelijkheid en bevoegdheden van het Auditcomité

Het Auditcomité van de vennootschap is geldig samengesteld overeenkomstig de Belgische Corporate Governance Code 2009 en het Belgische Wetboek van Vennootschappen. Het Auditcomité is samengesteld uit Investea SPRL, vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout, Thomas Clay en Philippe Vlerick. Investea SPRL, vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout, en Philippe Vlerick hebben minder dan drie achtereenvolgende termijnen als niet-uitvoerend bestuurders gezeteld in de Raad van Bestuur en bezitten minder dan 10% van de aandelen. Daarom komen zij in aanmerking als onafhankelijke bestuurders. Investea SPRL wordt vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout en heeft als gewezen auditpartner bij PriceWaterhouseCoopers de nodige kwalificaties om het comité te voorzien van de vereiste boekhoudkundige en auditexpertise.

4. CORPORATE GOVERNANCE

4.1. Algemene bepalingen

In deze rubriek worden de regels en principes samengevat die gelden voor het Corporate Governance van ThromboGenics. Dat is gebaseerd op de statuten en op het corporate governance charter van de Vennootschap, dat is opgesteld op 19 oktober 2006 en sindsdien regelmatig is aangepast. De laatste update was goedgekeurd door de Raad van Bestuur in 2017.

Het charter is te vinden op de website van de vennootschap (www.thrombogenics.com) onder Investors / Corporate Governance en kan kosteloos worden aangevraagd bij de maatschappelijke zetel van de vennootschap.

Het Corporate Governance Charter van ThromboGenics bevat de volgende specifieke hoofdstukken:

  • Raad van Bestuur
  • Executive Team en CEO
  • Dealing Code Regels ter voorkoming van handel met voorkennis en marktmisbruik
  • Auditcomité
  • Benoemings- en Renumeratiecomité

4.2. Niet-naleving van de Corporate Governance Code

De Raad van Bestuur van ThromboGenics neemt zich voor om de Belgische Corporate Governance gedragscode na te leven, maar is van mening dat bepaalde afwijkingen van de bepalingen gerechtvaardigd zijn gezien de bijzondere situatie van de vennootschap.

Vanwege de omvang van de vennootschap heeft de Raad van Bestuur het Benoemingscomité en het Renumeratiecomité gecombineerd en geen Managementcomité opgericht in overeenstemming met artikel 524bis van het Belgische Wetboek van Vennootschappen.

4.3. Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de interne controle en risicoanalyse van de vennootschap

De Raad van Bestuur van ThromboGenics is verantwoordelijk voor de inschatting van de risico's die eigen zijn aan de vennootschap en voor de evaluatie van de interne controlesystemen.

De interne controlesystemen vervullen een cruciale rol bij het sturen van de activiteiten en het beheersen van de risico's. Ze laten toe de eventuele risico's (strategische risico's, financiële risico's, naleving van wet- en regelgeving) beter te beheersen en te controleren, om zo de vooropgestelde bedrijfsdoelstellingen te behalen. Het interne controlesysteem steunt op vijf pijlers:

  • de controleomgeving;
  • de risicoanalyse;
  • de controleactiviteiten;
  • informatie en communicatie; en
  • toezicht en bijsturing.

4.3.1. De controleomgeving

De controleomgeving wordt bepaald door een geheel van formele en informele regels waarop de goede werking van de vennootschap gebaseerd is.

De controleomgeving omvat de volgende componenten:

• De medewerkers: De Groep heeft verantwoordelijkheid, empowerment, optimisme, betrouwbaarheid, respect, informatie en overleg bepaald als de waarden die het team van ThromboGenics sturen, met als doel een open bedrijfscultuur tot stand te brengen waarin communicatie en respect voor klanten, leveranciers en medewerkers centraal staan. Er wordt van alle medewerkers verwacht dat zij de bedrijfsmiddelen beheren als een goede huisvader en handelen met het nodige gezond verstand. De informele regels worden, waar nodig, aangevuld met formele regels. Op deze manier wil de Groep gekwalificeerde werknemers aantrekken, motiveren en behouden, in een aangename werkomgeving en met mogelijkheden voor persoonlijke ontwikkeling. Hun expertise en ervaring zullen bijdragen aan het doeltreffende beheer van de vennootschap.

  • De CEO en het Executive Team: Het dagelijks beheer is de verantwoordelijkheid van de CEO, die wordt gesteund door een Executive Team. Met het oog op een doeltreffend beheer wordt de bevoegdheid deels overgedragen op de dochteronderneming en de verschillende afdelingen binnen ThromboGenics NV. De delegatie van bevoegdheden is niet gekoppeld aan een persoon, maar aan de functie. Het Executive Team, dat verantwoordelijkheid draagt op groepsniveau, heeft de uiteindelijke controlebevoegdheid over de bevoegde vertegenwoordigers. Alle betrokkenen worden geïnformeerd over de omvang van hun bevoegdheid (regels voor officiële goedkeuring, beperking van bevoegdheid).
  • De Raad van Bestuur bestaat voor het merendeel uit niet-uitvoerende bestuurders. Om zijn taken uit te voeren wordt de Raad van Bestuur bijgestaan door de volgende operationele comités:
  • het Auditcomité, dat de sterkte van de controlemaatregelen regelmatig evalueert;
  • het Remuneratie- en Benoemingscomité, dat het beloningsbeleid evalueert;
  • het Executive Team, dat de handelingen en activiteiten van alle medewerkers controleert.

De werking van deze comités en hun verantwoordelijkheden worden beschreven in de volgende rubrieken van dit verslag.

• Gedragscode: De Gedragscode van ThromboGenics bestrijkt een breed scala van bedrijfspraktijken en procedures. De Gedragscode behandelt niet elke kwestie die kan voorkomen, maar beschrijft de principes die ten grondslag moeten liggen aan de motieven en handelingen van alle bestuurders, kaderleden en werknemers van ThromboGenics NV en haar dochterondernemingen. Alle bestuurders, kaderleden en werknemers van ThromboGenics moeten de Gedragscode naleven en zelfs de schijn van ongeoorloofd gedrag trachten te vermijden. Agenten en vertegenwoordigers van ThromboGenics, waaronder consultants, dienen de Gedragscode ook te ontvangen en na te leven.

Het doel van de Gedragscode is wangedrag te beletten en het volgende te bevorderen:

  • oprecht en ethisch gedrag, waaronder het ethisch omgaan met feitelijke of schijnbare belangenconflicten in persoonlijke en professionele relaties;
  • volledige, eerlijke, correcte, tijdige en begrijpelijke informatieverstrekking in rapporten en documenten die ThromboGenics indient bij de Autoriteit voor Financiële

Diensten en Markten (FSMA) en in andere openbare mededelingen door ThromboGenics;

  • naleving van alle geldende wetten, regels, voorschriften en gedragscodes van de sector;
  • de onmiddellijke interne rapportering van schendingen van de Gedragscode; en
  • aansprakelijkheid voor naleving van de Gedragscode.

4.3.2. De risicoanalyse

De Raad van Bestuur bepaalt de strategie, de risicobereidheid en de belangrijkste beleidslijnen van de Groep. Het is de taak van de Raad van Bestuur om te streven naar succes op lange termijn door risico's correct te beoordelen en te beheersen.

Het Executive Team is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van systemen die risico's identificeren, beoordelen en opvolgen.

Het Executive Team introduceert risicoanalyse in alle afdelingen van de Groep en moet worden betrokken bij de uitwerking van de strategie van de Groep. De risicoanalyse bestaat uit een aantal middelen, gedragscodes, procedures en maatregelen die passen in onze structuur, en is er uitsluitend op gericht de risico's op een aanvaardbaar niveau te houden.

De doelstellingen van ThromboGenics kunnen worden onderverdeeld in vier categorieën:

  • strategisch;
  • operationeel;
  • betrouwbare interne en externe informatie;
  • naleving van de wet- en regelgeving en interne voorschriften.

Risico-identificatie bestaat erin de factoren te onderzoeken die van invloed kunnen zijn op de vooropgestelde doelstellingen in elke categorie. Interne of externe factoren kunnen een invloed hebben op de verwezenlijking van deze doelstellingen.

  • Interne factoren: hangen nauw samen met de interne organisatie en kunnen diverse oorzaken hebben (bv. wijziging van de groepsstructuur, het personeel of ERP-systeem).
  • Externe factoren: kunnen het gevolg zijn van wijzigingen in het economische klimaat, de regelgeving of concurrentie.

De risico's die het Executive Team van ThromboGenics heeft bepaald, worden gedetailleerd beschreven in punt 3.5.

4.3.3. De controleactiviteiten

Om geïdentificeerde risico's behoorlijk te kunnen beheersen heeft ThromboGenics de volgende controlemaatregelen genomen:

  • toegangs- en beveiligingssystemen in de gebouwen en kantoren;
  • een uniforme administratie, implementatie van hetzelfde ERPsysteem in alle dochterondernemingen;
  • invoering van nieuwe procedures die aansluiten op de ontwikkeling binnen de Groep;
  • aanpassing en bijwerking van de bestaande procedures;
  • gebruik van een rapporteringstool (Qlikview) om financiële gegevens op regelmatige basis (kwartaal, jaar) te kunnen rapporteren. De rapporteringstool maakt het in de toekomst ook mogelijk om KPI's te definiëren en regelmatig te beoordelen.

4.3.4. Informatie en communicatie

Om betrouwbare financiële informatie te verschaffen maakt ThromboGenics gebruik van een gestandaardiseerde rapportering van de rekeningen en een globale toepassing van de IFRS-waarderingsregels.

Gegevens en bescherming van informatie. Afhankelijk van het type gegevens is een specifiek beleid van toepassing. Per disk en per folder worden er rechten toegekend aan groepen van personen of uitsluitend aan specifieke personen (gebruikersmap). De gebruikersrechten worden bepaald door de Windows-gebruikersnaam/ login, zowel voor gewone databestanden als voor de database. De rechten zijn zodanig toegekend dat alleen de bestanden of gegevens waar de gebruiker toegang toe heeft, kunnen worden gelezen en aangepast. Er is een back-upbeleid voorhanden. Dagelijks wordt van alle gegevens een lokale back-up gemaakt en wekelijks een centrale back-up.

4.3.5. Toezicht en bijsturing

Het toezicht wordt uitgeoefend door de Raad van Bestuur, via de werkzaamheden van het Auditcomité en het Executive Team.

  • Het Auditcomité heeft als taak de doeltreffendheid van de interne controle en risicoanalyse op te volgen.
  • Het Executive Team waakt over de implementatie van de interne controle en het risicobeheer, rekening houdend met de aanbevelingen van het Auditcomité.

De bijsturing omvat talrijke courante activiteiten, zoals:

• beheer door operationele verantwoordelijken;

  • uitwisseling van gegevens met derden ter bevestiging (bv. leveranciers/klanten);
  • toezicht op functiescheiding;
  • controle door externe auditors en interne en externe controllers.

ThromboGenics acht periodieke evaluaties nodig om de doeltreffendheid van de interne controle en van de ingevoerde procedures te beoordelen. Momenteel is er nog geen specifieke interne auditfunctie binnen de Groep.

Externe controle

Binnen de ThromboGenics' Groep wordt de externe controle uitgevoerd door BDO Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door Gert Claes, bedrijfsrevisor. Deze opdracht omvat de controle van de statutaire jaarrekeningen, de geconsolideerde jaarrekening van ThromboGenics NV en haar dochterondernemingen.

De bezoldiging van de auditor bedroeg 80.580 euro.

4.4. Vergoeding van de auditor

In euro (voor het jaar afgesloten op 31 december) 2017 2016
Bezoldiging auditopdrachten 80.580 79.000
Andere juridische opdrachten van de auditor 10.340 0
Andere diensten van de auditor 4.000 8.733
Andere door het BDO-netwerk verleende diensten 8.716 32.328

In 2017 bedroeg de bezoldiging voor auditopdrachten van ThromboGenics NV en Oncurious NV in totaal 80.580 euro.

De vergoedingen in verband met andere juridische opdrachten van de auditor werden betaald voor dienstverlening in verband met warrantplannen en het verslag van de auditors voor de inbreng in natura.

De vergoedingen in verband met andere diensten van de auditor werden betaald voor dienstverlening in verband met IFRSverslaglegging en ad hoc-bijstand in verband met bijzondere waardeverminderingen.

De vergoedingen in verband met andere door het BDO-netwerk verleende diensten hebben betrekking op belastingdiensten die werden verleend in het VK en Ierland en die vooraf door het Auditcomité werden goedgekeurd.

4.5. Bekendmaking van belangrijke deelnemingen

4.5.1. Maatschappelijk kapitaal en aandelen

Op 31 december 2017 bedroeg het maatschappelijk kapitaal van ThromboGenics NV 162.404.449,73 euro, vertegenwoordigd door 36.094.349 aandelen, alle met dezelfde fractiewaarde. In punt 5.4 wordt een overzicht gegeven van de evolutie van het maatschappelijk kapitaal.

Op 5 januari 2018 vond een kapitaalsverhoging plaats waarbij 2.177.226 nieuwe aandelen werden verstrekt op 22 januari 2018, zodat er in totaal 38.271.575 zijn en het kapitaal op 172.200.753,04 euro wordt gebracht.

De Raad van Bestuur is bevoegd om, binnen de grenzen van het toegestane kapitaal, in het belang van ThromboGenics en overeenkomstig artikel 596 en volgende van het Belgische Wetboek van Vennootschappen het voorkeursrecht dat de wet aan de aandeelhouders toekent, op te heffen of te beperken. De Raad van Bestuur is bevoegd om het voorkeursrecht dat de wet aan één of meerdere personen toekent, op te heffen of te beperken, zelfs als deze personen geen werknemers van ThromboGenics of een dochteronderneming van ThromboGenics zijn.

4.5.2. Warrantplannen

ThromboGenics heeft een aantal warranten gecreëerd.

Op 31 december 2017 bestonden er twee warrantplannen:

  • het warrantplan 2014, bestaande uit 720.000 warranten die recht geven op telkens één aandeel zoals beslist door de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 4 december 2014;
  • het warrantplan 2017, bestaande uit 1.440.000 warranten die recht geven op telkens één aandeel zoals beslist door de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 20 november 2017.

In punt 5.7.11 wordt meer informatie gegeven over deze warrantplannen en de uitstaande warranten aan het einde van 2017.

4.5.3. Aandeelhouders

Op 26 januari 2018, op basis van alle ontvangen transparantieverklaringen, en na de uitgifte van 2.177.226 nieuwe gewone aandelen aan Novartis Pharma AG, waarbij het aantal uitstaande aandelen op 38.271.575 kwam. ThromboGenics is op de hoogte van de volgende deelnemingen:

Aandelen % van het
totaal aantal
aandelen
De heer Thomas M. Clay en entiteiten
waarover hij zeggenschap heeft
3.361.555 8,78%
Baron Philippe Vlerick en entiteiten waarover
hij zeggenschap heeft
2.324.719 6,07%
Novartis Pharma AG 2.177.226 5,69%

4.5.4. Bekendmaking van belangrijke deelnemingen

Samen met de statuten van ThromboGenics, legt de Belgische wetgeving een openbaarmakingsverplichting op aan natuurlijke en rechtspersonen die stemrechtverlenende effecten of effecten die recht geven op stemrechtverlenende effecten, verwerven of overdragen, van zodra, als gevolg van dergelijke verwerving of overdracht, het totaal aantal stemrechten dat rechtstreeks of onrechtstreeks door deze natuurlijke of rechtspersonen wordt aangehouden, alleen of gezamenlijk met anderen, stijgt boven of zakt onder een drempel van 3 procent, 5 procent of een veelvoud van 5 procent van het totaal aantal stemrechten die verbonden zijn aan de effecten van de vennootschap. Een aandeelhouder wiens deelneming groter of kleiner wordt dan een van deze drempels, moet daarvan telkens kennis geven aan de FSMA en aan de vennootschap. De documenten op basis waarvan de transactie werd gerealiseerd, moeten worden ingediend bij de FSMA. De vennootschap is verplicht om de ontvangen kennisgevingen in verband met de afname of toename van de eigendom van effecten in ThromboGenics van een aandeelhouder de volgende werkdag openbaar te maken en moet deze kennisgevingen vermelden in de toelichting bij haar jaarrekening. Euronext Brussels zal details van deze kennisgevingen publiceren.

4.5.5. Financiële dienstverlening – Kosten voor de diensten van tussenpersonen

De financiële diensten met betrekking tot de aandelen worden in België verstrekt door KBC Bank en zijn kosteloos voor de aandeelhouders.

Aandeelhouders moeten zelf informatie inwinnen over de kosten die verbonden zijn aan de financiële dienstverlening door andere tussenpersonen.

4.6. Samenstelling en werking van de vennootschapsorganen

4.6.1. Samenstelling van de Raad van Bestuur

De vennootschap wordt geleid door een collegiale Raad van Bestuur die het hoogste bestuursorgaan van de vennootschap is. De vennootschap bepaalt het interne reglement van de Raad van Bestuur en neemt dit op in haar Corporate Governance Charter. De rol van de Raad van Bestuur bestaat erin het langetermijnsucces van de vennootschap na te streven door ondernemend leiderschap te garanderen en ervoor te zorgen dat risico's op gepaste wijze worden ingeschat en beheerst. De verantwoordelijkheden van de Raad van Bestuur worden vastgelegd in de statuten van de vennootschap en in het intern reglement van de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur wordt georganiseerd met het oog op een doeltreffende uitvoering van zijn taken. De vennootschap stemt haar managementstructuur af op haar voortdurend evoluerende behoeften.

De Raad van Bestuur beslist over de waarden en strategie van de vennootschap, over haar bereidheid om risico's te nemen en over de algemene beleidslijnen.

De Raad van Bestuur zorgt ervoor dat het noodzakelijke leiderschap en de noodzakelijke financiële en menselijke middelen voorhanden zijn, zodat de vennootschap haar doelstellingen kan realiseren. Bovendien houdt de Raad van Bestuur bij het bepalen van de waarden en strategieën in het voornaamste beleidsplan rekening met maatschappelijk verantwoord ondernemen, genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen.

Van 5 december 2013 tot 15 juni 2017 trad Viziphar Biosciences BVBA, vertegenwoordigd door dhr. Staf Van Reet, op als voorzitter van de Raad van Bestuur. Sinds 15 juni 2017 treedt Thomas Clay op als voorzitter van de Raad van Bestuur.

Op 15 juni 2017 aanvaardde de Raad van Bestuur het ontslag van Viziphar Biosciences BVBA, vertegenwoordigd door de heer Staf Van Reet, als bestuurder en voorzitter van de Raad van Bestuur per 15 juni 2017. Op 31 augustus 2017 aanvaardde de Raad van Bestuur het ontslag van (i) Innov'Activ BVBA, vertegenwoordigd door permanent vertegenwoordiger Patricia Ceysens, als bestuurder per 7 september 2017 en (ii) Lugo BVBA, vertegenwoordigd door permanent vertegenwoordiger Luc Philips, als bestuurder per 7 september 2017. Op 31 augustus 2017 besliste de Raad van Bestuur, op basis van het advies van het Remuneratieen Benoemingscomité, om Viziphar Biosciences BVBA, Innov'Activ BVBA en Lugo BVBA niet te vervangen.

Per 31 december 2017 bestaat de Raad van Bestuur uit zes leden:

  • Thomas Clay, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder, voorzitter
  • Patrik De Haes (ViBio BVBA), uitvoerend bestuurder
  • Dr. David Guyer, niet-uitvoerend bestuurder
  • Paul G. Howes, uitvoerend bestuurder
  • Emmanuèle Attout (Investea SPRL), niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder
  • Baron Philippe Vlerick, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder

Als zodanig bestaat de Raad van Bestuur uit 1 vrouwelijk en 5 mannelijke leden. De Raad van Bestuur is actief aan de gang met de identificatie van potentiële vrouwelijke bestuursleden.

De volgende paragrafen bevatten een korte biografie van elke bestuurder die in functie waren op 31 december 2017:

Thomas Clay, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder, voorzitter

Thomas Clay is Vice-President van East Hill Management Company, LLC en Chairman en CEO van Golden Queen Mining Co., Ltd. Hij is ook bestuurder van het Clay Mathematics Institute, Inc. Thomas Clay heeft een diploma van Harvard College, Oxford University en de Harvard Business School. Thomas vervangt zijn vader Landon Clay, die als eerste externe partij investeerde in ThromboGenics en in 2011 ontslag nam uit de Raad van Bestuur.

Dr. Patrik De Haes (ViBio BVBA), Chief Executive Officer, uitvoerend bestuurder

Dr. Patrik De Haes heeft meer dan 25 jaar ervaring in de internationale gezondheidszorg, meer bepaald op het gebied van productontwikkeling, marketing en algemeen management. Voordat hij in 2008 CEO van ThromboGenics werd, stond hij aan het hoofd van de business unit Global Insulin Infusion van Roche. Daarvoor was Patrik President en CEO van Disetronic Medical Systems Inc, een producent van medische apparatuur in Minneapolis (VS). Hij leidde ook de wereldwijde ontwikkeling en commercialisering van het eerste biotechnologische product van Sandoz Pharma (nu Novartis) in Zwitserland. Als gewezen voorzitter van FlandersBio is Patrik een actief lid van de lokale en regionale biotech- en biowetenschappelijke gemeenschap in België. Patrik is ook uitvoerend voorzitter van Oncurious nv, een nieuwe oncologische onderneming die werd opgericht door ThromboGenics NV samen met VIB LifeSciences. Patrik heeft een diploma in de Geneeskunde van de Universiteit van Leuven.

Dr. David Guyer, niet-uitvoerend bestuurder

Dr. David Guyer is reeds geruime tijd lid van de retinagemeenschap in de VS. Hij is medeoprichter en uitvoerend voorzitter van Ophthotech Corporation. Daarvoor was hij ook CEO van Ophthotech.

Dr. Guyer zit ook in de Raad van Bestuur van Sound Pharmaceuticals, iStar en PanOptica. Hij was mede-oprichter, bestuurder en CEO van Eyetech Pharmaceuticals, Inc., dat hij doorheen private, publieke en corporate financieringsrondes leidde. Dr. Guyer zag toe op de snelle ontwikkeling en succesvolle commercialisering van Macugen® (pegaptanib natrium), de eerste door de FDA goedgekeurde VEGF-remmer voor de behandeling van natte maculadegeneratie. Dr. Guyer heeft ook een succesvolle carrière uitgebouwd in de academische geneeskunde als professor en voorzitter van de faculteit Oftalmologie aan de New York University School of Medicine. Dr. Guyer behaalde zijn Bachelor of Science-diploma (BSc) aan Yale College met grootste onderscheiding en zijn diploma Geneeskunde (MD) aan de Johns Hopkins Medical School. Dr. Guyer specialiseerde zich in de oftalmologie aan het Wilmer Ophthalmological Institute in het John Hopkins Hospital en voltooide een retina fellowship in het Massachusetts Eye and Ear Infirmary van de Harvard Medical School.

Paul G. Howes, niet-uitvoerend bestuurder

Paul G. Howes heeft meer dan 30 jaar ervaring in commerciële strategie, productontwikkeling en management leadership, waarvan een groot deel in de sector van de oftalmologie. Hij is momenteel lid van de Raad van Bestuur van ThromboGenics en was tot eind 2017 President en Chairman van de dochteronderneming in de VS, ThromboGenics, Inc. Daarvoor was hij lid van de Raad van Bestuur en CEO van Inotek Pharmaceuticals, een aan de NASDAQ genoteerd biotechbedrijf dat geneesmiddelen voor oogheelkunde ontwikkelt. Voordat hij bij Inotek kwam, was Paul G. Howes President van de regio Amerika voor Bausch & Lomb, waar hij verantwoordelijk was voor de Verenigde Staten, Canada, Latijns-Amerika en Zuid-Amerika voor de bedrijfssegmenten Vision Care, Surgical en Pharmaceuticals van Bausch & Lomb. Voordat hij in 2003 aan de slag ging bij Bausch & Lomb, bekleedde Paul G. Howes 16 jaar lang verschillende managementfuncties bij Merck & Co, Inc., zoals Executive Director of Hospital Marketing, Vice President Sales and Marketing for Specialty Products, President & CEO van de DuPont Merck Pharmaceutical Company en President van Merck Frosst Canada, Inc. Voor zijn periode bij Merck werkte Paul G. Howes 11 jaar bij PriceWaterhouse Canada. Paul G. Howes is afgestudeerd aan Harvard College en behaalde zijn MBA aan de York University in Toronto, Canada. Hij is ook lid van de Raad van Bestuur van Prevent Blindness, trustee van BioNJ en lid van de Raad van Bestuur van Kish Bancorp.

Emmanuèle Attout (Investea BVBA), niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder

Emmanuèle Attout was van 1994 tot 2014 auditpartner bij PriceWaterhouseCoopers, waar ze verantwoordelijk was voor de audits van een aantal banken, verzekeringsmaatschappijen, investeringsfondsen en asset managers. In de voorbije jaren deed ze de audit van beursgenoteerde bedrijven in de sectoren farmaceutica en levenswetenschappen, waar ze ruime en relevante ervaring opdeed die een verrijking zal zijn voor de Raad van Bestuur en het Auditcomité.

Emmanuèle is een onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder en lid van het Auditcomité van Atenor SA en Schréder SA. In 2009 was ze mede-oprichtster van de ngo Women on Board, waarvan ze bestuurslid is. Ze zetelt ook in de Raad van Bestuur van Toutes à l'école Belgique asbl. Emmanuèle studeerde af in de Toegepaste Economische Wetenschappen aan de Katholieke Universiteit Leuven.

Baron Philippe Vlerick, niet-uitvoerend, onafhankelijk bestuurder

Philippe Vlerick is de eigenaar, voorzitter en CEO van verschillende bedrijven in België en daarbuiten.

Hij is momenteel voorzitter en Chief Executive Officer van de Vlerick Groep (België), voorzitter en CEO van UCO NV, voorzitter van Pentahold, voorzitter van Smartphoto Group, voorzitter van het Festival Van Vlaanderen en commissaris-generaal van Europalia Roemenië.

Baron Vlerick is ook vice-voorzitter van KBC Groep, Corelio en Durabilis, en zetelt in de Raad van Bestuur van Exmar, Hamon & Cie, Besix Group, BMT, Etex en L.V.D. (België).

Hij heeft een diploma in de Filosofie en in de Rechten van de Universiteit van Leuven en behaalde een MBA General Management (PUB) aan de Vlerick School of Management in Gent in 1979.

Hij behaalde ook een masterdiploma in Business Administration aan de Indiana University, Bloomington (VS, 1980). In 2006 werd hij verkozen tot Manager van het Jaar door Trends, een toonaangevend businessmagazine in België.

In 2008 kreeg hij de titel baron en in 2013 werd hij Commandeur van de Leopoldsorde.

4.6.2. Beoordeling van de activiteiten en leden van de Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur hanteert geen formele procedure voor de beoordeling van zijn activiteiten, werking van de comités en de betrokkenheid van iedere bestuurder.

De voorzitter maakt regelmatig een evaluatie van alle onderdelen van de Raad van Bestuur op, in overleg met bestuursleden afzonderlijk en met ondersteuning van het Remuneratiecomité.

Een globale evaluatie wordt verder informeel besproken in de verschillende vergaderingen van de Raad van Bestuur en van de comités om de geschiktheid en effectiviteit van de activiteiten van alle onderdelen van de Raad van Bestuur en de wisselwerking met het Executive Team te garanderen. Met name bij het voorstellen van de verkiezing of herverkiezing van bestuurders, verzekert de Raad van Bestuur door de besprekingen tijdens zijn vergaderingen dat de samenstelling de aangewezen bekwaamheden oplevert en dat de wettelijk vereiste genderdiversiteit in acht wordt genomen.

4.6.3. Vergaderingen van de Raad van Bestuur in het boekjaar 2017

De Raad van Bestuur kwam in 2017 zes keer bijeen. Met betrekking tot zijn verantwoordelijkheden inzake toezicht werden de volgende onderwerpen besproken en beoordeeld:

  • De Raad van Bestuur bepaalt de strategie, risicobereidheid, waarden en belangrijkste beleidslijnen van de vennootschap.
  • De Raad van Bestuur zorgt ervoor dat het noodzakelijke leiderschap en de noodzakelijke financiële en menselijke middelen voorhanden zijn, zodat de vennootschap haar doelstellingen kan realiseren.
  • Bij het bepalen van de waarden en strategieën in het voornaamste beleidsplan houdt de Raad van Bestuur rekening met maatschappelijk verantwoord ondernemen, genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen.
  • De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de kwaliteit en volledigheid van de gepubliceerde financiële informatie. Tegelijk is de Raad van Bestuur verantwoordelijk voor de integriteit en tijdige publicatie van de jaarresultaten en andere belangrijke financiële en niet-financiële informatie die wordt meegedeeld aan aandeelhouders en mogelijke aandeelhouders.
  • De Raad van Bestuur kiest de commissaris op aanbeveling van het Auditcomité en houdt toezicht op diens activiteit, en is verantwoordelijk voor het toezicht op de interne controle, rekening houdend met de evaluatie van het Auditcomité.

  • De Raad van Bestuur houdt toezicht op de verplichtingen van de vennootschap ten aanzien van de aandeelhouders, en weegt daarbij de belangen af van de betrokkenen bij de vennootschap.

  • De Raad van Bestuur stimuleert een doeltreffende dialoog met de aandeelhouders en mogelijke aandeelhouders, op basis van wederzijds begrip van doelen en verwachtingen.
  • In navolging van de aanbevelingen van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad van Bestuur de contracten goed voor de aanstelling van de CEO en de andere leden van het Executive Team. De contracten verwijzen naar de gehanteerde criteria bij het bepalen van de variabele vergoeding. Het contract omvat specifieke bepalingen inzake voortijdige beëindiging van het contract.
  • De Raad van Bestuur kiest de structuur van het Executive Team van de vennootschap, bepaalt de bevoegdheden en verplichtingen, en houdt toezicht op en evalueert de prestaties van het Executive Team.
  • De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de corporategovernancestructuur van de vennootschap en de naleving van de voorschriften inzake corporate governance.

Verdere onderwerpen op de agenda waren:

  • de financiële gegevens van de vennootschap zoals de halfjaarcijfers, de jaarafsluiting, de budgetopvolging en de geconsolideerde resultaten;
  • de toepassing van de IFRS-regels;
  • de eisen van de Belgische FSMA (Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten);
  • de opvolging van dochterondernemingen;
  • zaken van strategische aard, nieuwe en huidige beleggingen, hetanalyseren, bespreken en evalueren van overnamemogelijkheden;
  • de voorbereiding voor de Algemene Vergadering, het opstellen van jaarverslagen en persberichten;
  • de verzekeringen van de vennootschap;
  • warrant- en retentieplannen.

De Raad van Bestuur kan slechts rechtsgeldig beraadslagen als ten minste de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Als dit quorum niet wordt bereikt, wordt er een oproep gedaan voor een nieuwe vergadering met dezelfde agenda. De beraadslaging en het aannemen van resoluties op deze vergadering zijn rechtsgeldig als ten minste twee bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn. De resoluties van de Raad van Bestuur worden aangenomen bij meerderheid van stemmen. Over onderwerpen die niet op de agenda staan kan de Raad van Bestuur uitsluitend rechtsgeldig beraadslagen als alle leden die persoonlijk aanwezig zijn daarmee akkoord gaan.

Principe 2.9 van de Belgische Corporate Governance Code 2009 beveelt aan dat de Raad van Bestuur een secretaris van de vennootschap aanstelt die de Raad advies geeft inzake alle bestuursaangelegenheden. Op 1 juli 2014 heeft de Raad van Bestuur Claude Sander, de Chief Legal Officer van de vennootschap, benoemd tot secretaris.

RAAD VAN
BESTUUR
Viziphar
Biosciences
BVBA
ViBio BVBA Thomas Clay Lugo BVBA Innov'Activ
BVBA
Dr. David
Guyer
Paul G. Howes Investea
SPRL
Baron Philippe
Vlerick
16 maart 2017 aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig
15 juni 2017 nvt aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig
31 augustus 2017 nvt aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig verontschuldigd
11 september 2017 nvt aanwezig aanwezig nvt nvt aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig
19 oktober 2017 nvt aanwezig aanwezig nvt nvt aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig
7 december 2017 nvt aanwezig aanwezig nvt nvt aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig

Hieronder wordt het aanwezigheidsrooster weergegeven van de vergaderingen van de Raad van Bestuur in 2017:

4.6.4. Comités binnen de Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur heeft een Auditcomité opgericht en een gecombineerd Benoemings- en Renumeratiecomité. De Raad van Bestuur benoemt de leden en de voorzitter van elk comité. Elk comité bestaat uit ten minste drie leden. De samenstelling van de comités in het boekjaar 2017 was als volgt:

Auditcomité: Investea SPRL (vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout), voorzitter; Lugo BVBA (vertegenwoordigd door Luc Philips) (ontslag op 7 september 2017); Innov'Activ BVBA (vertegenwoordigd door Patricia Ceysens) (ontslag op 7 september 2017), Thomas Clay (sinds 7 september 2017); Philippe Vlerick (sinds 7 september 2017).

Het Auditcomité is tijdens het boekjaar 2017 vier keer bijeengekomen.

Benoemings- en Renumeratiecomité: Viziphar Biosciences BVBA (vertegenwoordigd door Staf Van Reet), voorzitter (ontslag op 15 juni 2017); Thomas Clay, voorzitter (vanaf 15 juni 2017); Lugo BVBA (vertegenwoordigd door Luc Philips) (ontslag op 7 september 2017); Dr. David Guyer; Investea SPRL (vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout) (sinds 15 juni 2017).

Het Benoemings- en Renumeratiecomité is tijdens het boekjaar 2017 drie keer bijeengekomen.

De bevoegdheden van deze comités worden beschreven in het Corporate Governance Charter van ThromboGenics (Bijlage 4 en 5), dat te vinden is op de website van ThromboGenics (www.thrombogenics.com).

Hieronder wordt het aanwezigheidsrooster weergegeven van de vergaderingen van de comités in 2017:

AUDITCOMITÉ Investea SPRL,
voorzitter
Lugo BVBA (ontslag op 7
september 2017)
Innov'Activ BVBA (ontslag
op 7 september 2017)
Thomas Clay (sinds 7
september 2017)
Philippe Vlerick (sinds 7
september 2017)
9 maart 2017 aanwezig aanwezig aanwezig nvt nvt
15 juni 2017 aanwezig aanwezig aanwezig nvt nvt
31 augustus 2017 aanwezig
aanwezig
aanwezig nvt nvt
7 december 2017 aanwezig nvt nvt aanwezig aanwezig
BENOEMINGS- EN
REMUNERATIECOMITÉ
Viziphar Biosciences BVBA,
voorzitter (ontslag op 15
juni 2017)
Innov'Activ BVBA
(ontslag op 7 september
2017)
Dr. David Guyer Thomas Clay (sinds 15
juni 2017), voorzitter
Investea SPRL (sinds 7
september 2017)
16 maart 2017 aanwezig aanwezig aanwezig nvt nvt
15 juni 2017 aanwezig aanwezig aanwezig aanwezig nvt
7 december 2017 nvt nvt aanwezig aanwezig aanwezig

4.6.5. Executive Team

ThromboGenics heeft een Executive Team, dat bestaat uit de CEO en de uitvoerende bestuurders. De leden van het Executive Team worden aangesteld door de Raad van Bestuur overeenkomstig het Corporate Governance Charter van ThromboGenics. Het Executive Team heeft de bevoegdheid om de bedrijfsstrategie voor te stellen en te implementeren, rekening houdend met de waarden van de vennootschap, de risicobereidheid en de belangrijkste beleidslijnen. Het Executive Team is onder andere belast met de leiding van de vennootschap. Het Executive Team is geen directiecomité zoals bedoeld in artikel 524bis van het Belgische Wetboek van Vennootschappen.

De Raad van Bestuur heeft de CEO van de vennootschap aangesteld. De bevoegdheden van de CEO zijn in nauw overleg met hem bepaald door de Raad van Bestuur. De CEO houdt toezicht op de diverse activiteiten en de centrale diensten van de vennootschap.

In 2017 bestond het Executive Team uit:

  • ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes CEO
  • Paul Howes uitvoerend bestuurder

Per 31 december 2017 heeft Paul Howes zijn uitvoerende functies neergelegd. Hij blijft echter zetelen in de Raad van Bestuur.

De details van de vergoeding van het Executive Team staan beschreven in het remuneratieverslag.

Hier vindt u een korte biografie van elk lid van het Executive Team dat in functie was op 31 december 2017:

Patrik De Haes (ViBio BVBA) – Chief Executive Officer Hiervoor verwijzen we naar punt 4.6.1.

Paul G. Howes – uitvoerend bestuurder Hiervoor verwijzen we naar punt 4.6.1.

4.6.6. Executive Committee

Naast het Executive Team zijn er verschillende managers lid van het Executive Committee. Dit orgaan wordt niet vermeld in het Corporate Governance Charter. De leden van het Executive Committee ondersteunen het Executive Team. In die hoedanigheid hebben de leden van het Executive Committee geen wettelijk gedelegeerde bevoegdheden om de vennootschap te vertegenwoordigen of om de bedrijfsstrategie voor te stellen of te implementeren.

De vergaderingen van het Executive Committee worden bijgewoond door de CEO en de uitvoerende bestuurders. Het Executive Committee is samengesteld uit (31 december 2017):

  • ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes CEO
  • D&V Consult BVBA, vertegenwoordigd door Dominique Vanfleteren – CFO
  • Susan Schneider Chief Medical Officer
  • Vinciane Vangeersdaele Chief Commercial Officer
  • Andy De Deene Global Head of Clinical and Product Development
  • Claude Sander Chief Legal Officer & Secretary of the Company
  • Panéga BVBA, vertegenwoordigd door Jean Feyen Head of Preclinical Research
  • Paul Howes Executive Chairman van ThromboGenics, Inc.
  • Mark Denayer, Global Head of Drug Safety and Medical Affairs
  • 4.7. Beleid betreffende transacties en andere contractuele relaties tussen de vennootschap, inclusief verbonden vennootschappen, en haar bestuurders en leden van het Executive Team
  • 4.7.1. Tegenstrijdige belangen van bestuurders en leden van het Executive Team

Artikel 523 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen bevat bijzondere bepalingen die moeten worden nageleefd telkens wanneer een bestuurder rechtstreeks of onrechtstreeks een tegenstrijdig belang van vermogensrechtelijke aard heeft bij een beslissing of transactie die tot de bevoegdheid behoort van de Raad van Bestuur.

In overeenstemming met Bijlage 2 van het Corporate Governance Charter van de vennootschap inzake transacties of andere contractuele relaties met de vennootschap, inclusief verbonden vennootschappen, en haar bestuurders en leden van het Executive Team, dienen dergelijke transacties te worden voorgelegd aan de Raad van Bestuur.

In 2017 waren er twee tegenstrijdige belangen:

Raad van Bestuur van 11 september 2017

Tegenstrijdig belang met betrekking tot de toekenning van warranten

(a) Verklaring

ViBio BVBA, vertegenwoordigd door zijn permanente vertegenwoordiger, dhr. Patrik De Haes (CEO), verklaarde dat het een tegenstrijdig belang had in de zin van artikel 523 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen met betrekking tot het enige agendapunt van deze vergadering (toekenning van warranten onder het Warrantplan 2017). Dit tegenstrijdige belang resulteert uit de volgende omstandigheden: Dhr. Patrik De Haes is de permanente vertegenwoordiger van ViBio BVBA, dat optreedt als CEO van de Vennootschap. Als CEO neemt de beheersvennootschap van dhr. Patrik De Haes deel aan het Warrantplan 2017 en heeft deze recht op het aantal warranten dat door de Raad van Bestuur wordt toegekend. Om die reden onthield dhr. De Haes zich van deelname aan de beraadslaging en het beslissingsproces met betrekking tot dit agendapunt.

(b) Beschrijving van de resolutie en rechtvaardiging

De voorgestelde resolutie heeft betrekking op de toekenning van warranten onder het Warrantplan 2017 teneinde belangrijke medewerkers te motiveren en te behouden, waaronder de CEO. De rechtvaardiging van de voorgestelde resolutie was gebaseerd op het feit dat de toekenning van een welbepaald aantal warranten aan de CEO tot doel heeft een incentive op lange termijn tot stand te brengen voor de CEO, die in belangrijke mate kan bijdragen aan het succes en de groei van de groep. Bovendien is het de bedoeling om met de toekenning van warranten de CEO als sleutelfiguur te behouden met het oog op de verdere invoering van de pijplijnprogramma's van de Vennootschap en het welslagen van de Vennootschap als zelfstandige entiteit.

(c) Financiële gevolgen van de voorgestelde toekenning van warranten aan de CEO

Er werd geoordeeld dat de financiële gevolgen voor de Vennootschap op dit moment moeilijk te beoordelen zijn. De uitoefenprijs van de warranten zou gelijk zijn aan (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Vennootschap op de beurs gedurende de periode van dertig kalenderdagen voorafgaand aan de datum van het aanbod of, indien lager, (ii) de slotkoers van het aandeel van de Vennootschap op de laatste werkdag voorafgaand aan de datum van het aanbod, zonder dat de uitoefenprijs lager mag zijn dan de gemiddelde slotkoers gedurende de periode van dertig dagen voorafgaand aan de uitgiftedatum. De uitgifte van warranten is, vanuit het standpunt van de Vennootschap, een voordelige manier om haar werknemers en senior management, waaronder de CEO, te belonen en te motiveren. Bij het niet toekennen van warranten zou de Vennootschap de bezoldiging die het betaalt moeten verhogen, wat voor de Vennootschap aanzienlijke bijkomende kosten zou kunnen meebrengen."

Raad van Bestuur van 7 december 2017

Tegenstrijdig belang met betrekking tot het behalen van de bedrijfsdoelstellingen voor 2017

(a) Verklaring

Patrik De Haes en Paul Howes hebben verklaard dat zij tegenstrijdige belangen hadden in de zin van artikel 523 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen met betrekking tot agendapunt 2, namelijk het behalen van de bedrijfsdoelstellingen voor 2017. Dit belangenconflict resulteert uit de volgende omstandigheden: Patrik De Haes is de permanente vertegenwoordiger van ViBio BVBA, dat optreedt als CEO van de vennootschap. Paul Howes is voorzitter van ThromboGenics, Inc. Als uitvoerende leden van de Raad van Bestuur hebben beide personen recht op een jaarlijkse variabele vergoeding. Het bedrag van die variabele vergoeding is afhankelijk van de beoordeling door de Raad van Bestuur of de bedrijfsdoelstellingen al dan niet behaald zijn en zijn beslissing over het uitbetalingspercentage van de variabele vergoeding.

(b) Beschrijving van de resolutie en rechtvaardiging

De voorgestelde resolutie betreft de variabele vergoeding die dient te worden verstrekt op het directieniveau van de vennootschap, onder meer aan ViBio BVBA en Paul Howes. In de biotechnologische en farmaceutische sector is het standaardpraktijk dat senior executives worden aangemoedigd door middel van een variabele vergoeding die afhankelijk is van het behalen van de bedrijfsdoelstellingen.

(c) Gevolgen

De voornoemde bestuurders hebben zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en het besluitvormingsproces met betrekking tot de voornoemde resolutie.

4.7.2. Transacties met verbonden vennootschappen

Artikel 524 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen voorziet in een speciale procedure die moet worden nageleefd bij transacties met verbonden vennootschappen of dochterondernemingen van ThromboGenics. Deze procedure is niet van toepassing op beslissingen of transacties die plaatsvinden bij normale bedrijfsuitoefening en normale marktomstandigheden of op beslissingen of transacties die minder dan één procent van de geconsolideerde nettoactiva van de vennootschap vertegenwoordigen. In overeenstemming met Bijlage 2 van het Corporate Governance Charter van de vennootschap inzake transacties of andere contractuele relaties tussen de vennootschap, inclusief verbonden vennootschappen, en haar bestuurders en leden van het Executive Team, dienen dergelijke transacties te worden voorgelegd aan de Raad van Bestuur.

4.7.3. Protocol betreffende transacties met verbonden vennootschappen

    1. Patrik De Haes wordt vergoed via de managementovereenkomsten tussen ThromboGenics NV en ViBio BVBA (een vennootschap waarvan Patrik De Haes bestuurder is). In het kader van deze consultancy-overeenkomst betaalde de ThromboGenics Groep in 2017 een totaalbedrag van 560 k euro.
    1. In 2017 werd voor niet-uitvoerende bestuurders in totaal 165 k euro betaald voor de uitvoering van hun mandaat in de Raad van Bestuur.

We verwijzen naar punt 4.9 voor het remuneratieverslag over het boekjaar 2017.

4.7.4. Reglementering inzake marktmisbruik

In Bijlage 3 van het Corporate Governance Charter van ThromboGenics, zoals gepubliceerd op de website, worden de regels beschreven om te voorkomen dat vertrouwelijke informatie onwettig wordt gebruikt of zelfs dat de indruk wordt gewekt van een dergelijk onwettig gebruik door bestuurders, aandeelhouders, leden van het management en belangrijke werknemers (insiders).

De voorzorgsmaatregelen tegen handel met voorkennis betreffen onder andere de verplichting om lijsten van insiders samen te stellen, de vereisten inzake beleggingsaanbevelingen, de meldplicht voor insider-transacties en de verplichting voor tussenpersonen om verdachte transacties te melden. De maatregelen zijn vastgesteld in Verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en van de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (Verordening marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn 2003/6/EG van het Europees Parlement en van de Raad en Richtlijnen 2003/124, 2003/125/EG en 2004/72/EG van de Commissie.

Conform de Europese Verordening marktmisbruik heeft ThromboGenics NV een lijst opgesteld van de personen in de vennootschap die, op basis van een arbeidscontract of anderszins, werkzaam zijn en op regelmatige of incidentele basis toegang hebben tot voorkennis die rechtstreeks of onrechtstreeks op ThromboGenics NV betrekking heeft. Deze lijsten dienen regelmatig bijgewerkt te worden en moeten gedurende 5 jaar ter beschikking gehouden worden van de FSMA.

Conform de Europese Verordening marktmisbruik werd aan de leden van de Raad van Bestuur en het management de verplichting opgelegd om transacties in effecten van ThromboGenics NV te melden aan de FSMA.

4.8. Kapitaalsverhoging door de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal en bepalingen die van toepassing zijn in geval van een openbaar overnamebod op de vennootschap (artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007)

a. De bevoegdheden van de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal

Artikel 47 van de statuten van de vennootschap bevat de volgende bepalingen met betrekking tot het toegestane kapitaal. De bevoegdheden van de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal werden hernieuwd op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 6 juni 2016 voor een periode van vijf jaar vanaf de publicatie van de akte van statutenwijziging in het Belgisch Staatsblad. De Raad van Bestuur is bevoegd om het geplaatste maatschappelijk kapitaal van de vennootschap in één of meerdere malen te verhogen tot een bedrag dat gelijk is aan de huidige waarde van het maatschappelijk kapitaal, namelijk 162.404.449,73 euro, in contanten of in natura of door omzetting van de reserves, overeenkomstig artikel 604 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen. De Raad van Bestuur kan ook overgaan tot de uitgifte van converteerbare obligaties of warranten tegen dezelfde voorwaarden.

b. "Change of Control"-bepaling met betrekking tot warranten uitgegeven door de vennootschap

Op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 4 december 2014 werden 720.000 warranten uitgegeven onder het Warrantplan 2014, waarvan reeds 594.000 warranten werden toegekend. Onder dit plan werden geen warranten uitgeoefend en 206.500 warranten zijn vervallen. De overige 126.000 warranten uitgegeven onder het Warrantplan 2014 kunnen nog worden aangeboden door de Raad van Bestuur.

Het Warrantplan 2014 bevat de volgende "Change of Control" bepaling in geval van een openbaar overnamebod op de vennootschap:

"Indien de vennootschap het voorwerp wordt van een openbaar overnamebod, zullen de reeds toegekende warranten onmiddellijk verworven zijn en uitoefenbaar worden tijdens een uitoefenperiode van dertig kalenderdagen volgend op de formele kennisgeving van het openbaar overnamebod aan de vennootschap door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA)."

Op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 20 november 2017 werden 1.440.000 warranten uitgegeven onder het Warrantplan 2017, waarvan reeds 552.000 warranten werden toegekend. Onder dit Warrantplan 2017 werden 0 warranten uitgeoefend en 151.000 warranten zijn vervallen.

Het Warrantplan 2017 bevat de volgende "Change of Control" bepaling in geval van een openbaar overnamebod op de vennootschap:

"Indien de vennootschap het voorwerp wordt van een openbaar overnamebod, zullen de nog niet toegekende warranten onmiddellijk vervallen na de formele kennisgeving van het openbaar overnamebod aan de vennootschap door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA)."

c. "Change of Control"-bepaling met betrekking tot bepaalde managementovereenkomsten

De buitengewone vergadering van aandeelhouders van 9 april 2009 verleende conform artikel 556 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen haar goedkeuring om de managementovereenkomsten van het senior management aan te passen. Er werd een compensatieregeling goedgekeurd voor het geval er een significante wijziging optreedt in de respectieve managementovereenkomsten als gevolg van een openbaar overnamebod. Deze compensatie zal bij een controlewijziging van de vennootschap verschillend zijn al naargelang het initiatief tot stopzetting van de managementovereenkomst uitgaat van de vennootschap of van de betrokken manager. In het eerste geval zal de compensatie 18 maanden bedragen; in het tweede geval 12 maanden.

4.9. Remuneratieverslag over het boekjaar 2017

4.9.1. Vergoedingsbeleid in het algemeen

Het vergoedingsbeleid van de vennootschap is erop gericht om gerenommeerde mensen met de nodige ervaring aan te trekken om een blijvend duurzame en winstgevende groei te garanderen. Het beleid dient erop gericht te zijn deze mensen bij de vennootschap te houden en te motiveren. Het vergoedingsbeleid wordt bepaald door de Raad van Bestuur op voorstel van het Remuneratiecomité. De prestatiecriteria worden bepaald door de Raad van Bestuur in overleg met de CEO.

Het totale vergoedingspakket bij de Groep omvat drie elementen:

  • een vaste maandelijkse vergoeding;
  • een variabele component, gebaseerd op de bedrijfsdoelstellingen en persoonlijke doelstellingen;
  • een vergoeding in de vorm van warranten.

De principes voor de vaste en variabele vergoeding zijn reeds verschillende jaren van toepassing en de vennootschap verwacht geen ingrijpende wijzigingen in de nabije toekomst.

De variabele component is gebaseerd op belangrijke jaarlijkse bedrijfsdoelstellingen die vooraf aan het begin van het jaar worden vastgesteld en worden afgesproken tussen het Executive Team en het Remuneratiecomité en worden vervolgens gevalideerd door de Raad van Bestuur. Deze variabele component is een jaarlijkse incentive die gekoppeld is aan de verwezenlijking van de jaarlijkse bedrijfsdoelstellingen en de jaarlijkse individuele doelstellingen. Met uitzondering van de CEO, is geen enkel percentage van de variabele vergoeding op basis van bedrijfs- en persoonlijke doelstellingen hoger dan 25%. De mate waarin elk van de doelstellingen is behaald, bepaalt het totale % van het bedrag van de incentive. Aangezien deze component jaarlijks wordt toegewezen, is het een contante incentive op korte termijn. Een verdere beschrijving van de prestatieberekening is gevoelige informatie en wordt daarom niet bekendgemaakt in het Jaarverslag van de vennootschap.

De Groep heeft via verschillende warrantplannen warranten toegekend aan werknemers, consultants en bestuurders. Warranten worden toegekend volgens de regels die de Raad van Bestuur vaststelt op basis van het individuele managementniveau van elke in aanmerking komende begunstigde. In overeenstemming met de standaardpraktijk in de sector hangt de verstrekking van warranten niet samen met iemands individuele prestaties, maar worden warranten verspreid om ervoor te zorgen dat medewerkers op managementniveau zich voor de lange termijn engageren om de waarde voor de aandeelhouders te optimaliseren. Voor alle plannen wordt de verwerving van de warranten gespreid over meer dan één jaar. In punt 5.7.11 wordt meer informatie gegeven over deze warrantplannen en de uitstaande warranten aan het einde van 2017.

Er worden geen aandelen toegewezen aan de leden van het Executive Team of andere werknemers, consultants of bestuurders.

Op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 20 november 2017 werd beslist dat ThromboGenics uitdrukkelijk zou afwijken van de specifieke bepalingen van art. 520ter van het Belgische Wetboek van Vennootschappen inzake de spreiding van variabele vergoedingen in de tijd. Deze beslissing wordt niet uitzonderlijk geacht voor de biotechnologische sector.

De door ThromboGenics aangeboden variabele vergoeding voorziet niet in een "claw back"-clausule, aangezien:

  • de uitbetaling van de variabele component, op basis van de jaarlijkse bedrijfsdoelstellingen en de jaarlijkse persoonlijke doelstellingen met het oog op het behalen van het jaarresultaat, slechts gebeurt wanneer die doelstellingen behaald zijn;
  • voor warranten eerst een uitgaande kasstroom bij de begunstigde nodig is, om tegen uitoefenprijs in te schrijven op de onderliggende kapitaalsverhoging. Bovendien ontvangt de begunstigde, net zoals alle andere aandeelhouders, slechts een opbrengst in geval de sterkere prestatie daadwerkelijk in de aandelenkoers tot uiting komt.

4.9.2. Vergoeding van de bestuurders

Voor de vergoeding van de leden van de Raad van Bestuur formuleert de Raad van Bestuur een voorstel aan de Algemene Vergadering.

De vergoeding van de niet-uitvoerende bestuurders bestaat uit een vaste jaarvergoeding en zitpenningen. De zitpenningen vertegenwoordigen ongeveer 60% van de totale vergoeding. De niet-uitvoerende bestuurders hebben geen recht op een ontslagpremie.

Niet-uitvoerende bestuurders

Niet-uitvoerende bestuurders bij ThromboGenics hebben recht op een vaste jaarlijkse vergoeding en zitpenningen:

Voor niet-uitvoerende bestuurders is er een vaste vergoeding van 10.000 euro per jaar.

Deelname aan een vergadering van de Raad van Bestuur en van de comités geeft recht op een zitpenning van 2.000 euro per vergadering. Bestuurders die per telefoon of videoconferentie deelnemen aan een vergadering van de Raad van Bestuur of van een comité, hebben recht op een zitpenning van 1.000 euro per vergadering.

De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen warranten.

De vergoeding voor de uitvoerende bestuurders en de voorzitter van de Raad van Bestuur wordt hieronder beschreven.

Deze vergoedingsstructuur is erop gericht actieve deelname aan vergaderingen van de Raad van Bestuur en de comités te stimuleren. De vaste vergoeding voor de niet-uitvoerende leden is gerechtvaardigd door het feit dat een goede werking van deze comités voldoende voorbereiding door de leden vergt.

Het objectieve en onafhankelijke oordeel van de niet-uitvoerende bestuurders wordt verder aangemoedigd door het feit dat ze geen andere vergoeding ontvangen van de vennootschap dan hun vaste vergoeding als bestuurder en hun zitpenningen. David Guyer is hierop een uitzondering omdat hij ook ad hoc consultancydiensten verleent.

Op individuele basis werden de volgende bedragen betaald over het boekjaar dat eindigde op 31 december 2017:

• David Guyer 19 k euro • Innov'Activ BVBA, vertegenwoordigd door Patricia Ceysens 15 k euro • Lugo BVBA, vertegenwoordigd door Luc Philips 22 k euro • Investea SPRL, vertegenwoordigd door Emmanuèle Attout 30 k euro • Philippe Vlerick 18 k euro

Voor de niet-uitvoerende bestuurders is er geen ontslagpremie voorzien.

David Guyer ontving in 2017 naast zijn bestuurdersvergoeding een vergoeding van 80 k euro (90 k USD) voor consultancy-diensten.

Uitvoerende bestuurders

Paul Howes ontving een vergoeding van 191 k euro, inclusief 19 k euro als lid van de Raad van Bestuur.

Uitvoerend bestuurder, ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes, heeft geen vergoeding voor zijn mandaat ontvangen. De vergoeding voor ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes, met betrekking tot zijn verantwoordelijkheden als CEO, wordt hieronder beschreven.

Voorzitter van de Raad van Bestuur

Gezien de belangrijke en actieve rol in de operationele en strategische begeleiding van de vennootschap, betaalde ThromboGenics over het boekjaar 2017 de volgende bedragen aan

1/ Viziphar BVBA, met Staf van Reet als permanente vertegenwoordiger:

  • een vaste vergoeding van 10 k euro;
  • zitpenningen van 4 k euro per vergadering voor vergaderingen van de Raad van Bestuur en van de comités.

Op individuele basis is het volgende bedrag betaald over het boekjaar dat eindigde op 31 december 2017:

• Viziphar BVBA, vertegenwoordigd door Staf Van Reet 26 k euro

2/ Thomas Clay:

  • een vaste vergoeding van 15 k euro;
  • zitpenningen van 4 k euro per vergadering voor vergaderingen van de Raad van Bestuur en van de comités.

Op individuele basis is het volgende bedrag betaald over het boekjaar dat eindigde op 31 december 2017:

• Thomas Clay 35 k euro

De vennootschap heeft geen verzekeringen afgesloten ten gunste van de voorzitter.

CEO

In het boekjaar 2017 heeft ThromboGenics 560 k euro betaald als vergoeding voor de CEO, ViBio BVBA, met Patrik De Haes als permanente vertegenwoordiger. Dat omvat:

  • een vaste vergoeding, bestaande uit een basisvergoeding van 446 k euro;
  • een variabele component van 114 k euro. Deze variabele component is gebaseerd op belangrijke jaarlijkse

bedrijfsdoelstellingen die vooraf aan het begin van het jaar worden vastgesteld en worden afgesproken tussen het Executive Team en het Remuneratiecomité en vervolgens worden gevalideerd door de Raad van Bestuur. Voor de CEO hangt deze variabele vergoeding uitzonderlijk af van de verwezenlijking van de bedrijfsdoelstellingen; persoonlijke doelstellingen worden niet in aanmerking genomen. De variabele vergoeding voor de CEO in 2017 komt overeen met 25,6% van de vaste vergoeding.

De CEO neemt deel aan de verschillende warrantplannen van ThromboGenics. In totaal heeft de CEO recht op de volgende warranten:

  • Onder het warrantplan "2014": 90.000 warranten tegen een uitoefenprijs van 6,96 euro/aandeel die definitief verworven worden over een periode van 3 jaar
  • Onder het warrantplan "2017": 100.000 warranten tegen een uitoefenprijs van 4,593 euro/aandeel waarvan de ene helft definitief verworven wordt over een periode van 2 jaar en de andere helft over een periode van 3 jaar.

We verwijzen naar punt 4.9.2 in verband met de afwijking van art. 520ter van het Belgische Wetboek van Vennootschappen.

Op 31 december 2017 had de CEO 100.000 aandelen van ThromboGenics NV.

Voor de CEO is een ontslagpremie voorzien. Bij ontslag zou de CEO een ontslagpremie van 12 maanden krijgen, behalve in geval van een controlewijziging. In het laatste geval zou de ontslagpremie 12 maanden zijn als de consultant de Groep op eigen initiatief zou verlaten of 18 maanden als de consultant zou worden gevraagd om de Groep te verlaten.

4.9.3. Vergoeding van het key management

Hiervoor verwijzen we naar punt 5.5.8.

5. GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

5.1. Geconsolideerde winst- en verliesrekening

In '000 euro (per 31 december) Toelichting 2017 2016
Opbrengsten 9.055 7.104
Verkopen 5.6.1 7.797 4.596
Royalty-inkomsten 5.6.1 1.258 2.508
Kostprijs van de verkoop 5.6.2 -2.579 -6.880
Brutowinst 6.476 224
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten 5.6.3 -23.186 -24.712
Algemene en administratieve kosten 5.6.4 -6.226 -6.523
Distributiekosten 5.6.5 -4.247 -4.325
Overige bedrijfsopbrengsten 5.6.6 50.449 1.088
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 5.6.7 0 -26.586
Bedrijfsresultaat 23.266 -60.834
Financiële opbrengsten 5.6.8 392 529
Financiële kosten 5.6.9 -1.029 -65
Resultaat voor belastingen 22.629 -60.370
Belastingen 5.6.12 -14 22
Resultaat van het boekjaar 22.615 -60.348
Toerekenbaar aan:
Houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij 22.788 -60.314
Minderheidsbelangen -173 -34
Resultaat per aandeel
Gewoon (euro) 5.6.13 0,63 -1,67
Verwaterd (euro) 5.6.13 0,62 -1,67
In '000 euro (per 31 december) Toelichting 2017 2016
Resultaat van het boekjaar 22.615 -60.348
Koersverschillen uit de omrekening van buitenlandse verrichtingen -150 36
Niet-gerealiseerde resultaten voor de periode -150 36
Niet-gerealiseerde resultaten voor de periode die niet kunnen worden geherclassificeerd -150 36
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode 22.465 -60.312
Toerekenbaar aan:
Houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij 22.638 -60.278
Minderheidsbelangen -173 -34

De bijgaande toelichtingen van secties 5.5 tot 5.7 vormen een integraal deel van deze Geconsolideerde Jaarrekening.

5.2. Geconsolideerde balans

In '000 euro (per 31 december) Toelichting 2017 2016
ACTIVA
Materiële vaste activa 5.7.1 991 1.743
Immateriële activa 5.7.2 23.603 25.902
Overige vaste activa op lange termijn 5.7.3 126 202
Belastingen op lange termijn 5.7.5 1.434 2.350
Vaste activa 26.154 30.197
Voorraden 5.7.4 2.204 2.614
Handels- en overige vorderingen 5.7.5 4.295 7.672
Belastingen op korte termijn 5.7.5 2.054 1.085
Beleggingen 5.7.6 49.555 21.817
Geldmiddelen en kasequivalenten 5.7.7 56.175 58.251
Niet-beschikbare banktegoeden 5.7.7 10.000 0
Vlottende activa 124.283 91.439
Totaal activa 150.437 121.636

EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN

Aandelenkapitaal 5.7.10 151.991 151.991
Uitgiftepremies 5.7.10 157.661 157.661
Gecumuleerde omrekeningsverschillen -335 -185
Overige reserves 5.7.11 -13.141 -13.317
Ingehouden resultaat -163.546 -186.334
Eigen vermogen toerekenbaar aan de houders van eigen-vermogensinstrumenten
van de moedermaatschappij
132.630 109.816
Minderheidsbelangen 727 43
Totaal eigen vermogen 133.357 109.859
Handelsschulden 3.298 5.941
Overige kortetermijnverplichtingen 5.7.8 13.782 5.836
Kortlopende verplichtingen 17.080 11.777
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 150.437 121.636

De bijgaande toelichtingen van secties 5.5 tot 5.7 vormen een integraal deel van deze Geconsolideerde Jaarrekening.

5.3. Geconsolideerd kasstroomoverzicht

In '000 euro (per 31 december) Toelichting 2017 2016
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten
Winst (verlies) van het boekjaar 22.615 -60.348
Financiële kosten 5.6.9 1.029 65
Financiële opbrengsten 5.6.8 -392 -529
Afschrijving op materiële vaste activa 5.7.1 674 886
Afschrijving op immateriële vaste activa 5.7.2 3.156 33.383
Kosten uit op aandelen gebaseerde betalingen 5.6.10 176 156
Stijging/daling in handels- en overige vorderingen inclusief belastingsvorderingen en voorraad 3.734 3.232
Stijging/daling in kortetermijnverplichtingen -4.697 2.846
Nettokasstroom uit (gebruikt bij) bedrijfsactiviteiten 26.295 -20.309
Kasstroom uit investeringsactiviteiten
Buitengebruikstellingen materiële vaste activa (naar aanleiding van een verkoop) 5.7.1 323 31
Veranderingen in beleggingen 5.7.6 -27.738 -13.773
Ontvangen rente en gelijkaardige inkomsten 5.6.8/9 22 148
Aankopen van immateriële activa 5.7.2 0 -1.000
Aankopen van materiële vaste activa 5.7.1 -246 -572
Aankopen/desinvestering van overige vaste activa op lange termijn 5.7.3 76 33
Nettokasstroom uit (gebruikt bij) investeringsactiviteiten -27.562 -15.133
Kasstroom uit financieringsactiviteiten
Opbrengsten uit uitgifte van aandelen 5.7.7 10.000 0
Betaalde rente 5.6.9 -11 -6
Nettokasstroom uit (gebruikt bij) financieringsactiviteiten 9.989 -6
Kasstroom in geldmiddelen 8.722 -35.448
Geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van het jaar 5.7.7 58.251 93.341
Effect van wisselkoerswijzigingen -798 358
Geldmiddelen, kasequivalenten en niet-beschikbare banktegoeden aan het einde van het jaar 66.175 58.251

De bijgaande toelichtingen van secties 5.5 tot 5.7 vormen een integraal deel van deze Geconsolideerde Jaarrekening.

5.4. Geconsolideerd overzicht van de wijzigingen van het eigen vermogen
Aandelen
kapitaal
Uitgifte
premies
Gecumu
leerde om
rekenings
verschillen
Overige
reserves
Inge
houden
resultaat
Toerekenbaar
aan houders van
eigen-vermogensin
strumenten van de
moedermaatschappij
Minder
heidsbe
langen
Totaal
Balans per 1 januari 2016 151.991 157.661 -221 -13.473 -126.020 169.938 77 170.015
Verlies van het boekjaar 2016 0 0 0 0 -60.314 -60.314 -34 -60.348
Wisselkoersverschillen als gevolg
van heromrekening van buitenlandse
dochtervennootschap en herwaarderingsreserve
0 0 36 0 0 36 0 36
Op aandelen gebaseerde betaling 0 0 0 156 0 156 0 156
Balans per 31 december 2016 151.991 157.661 -185 -13.317 -186.334 109.816 43 109.859
Balans per 1 januari 2017 151.991 157.661 -185 -13.317 -186.334 109.816 43 109.859
Winst voor het boekjaar 2017 0 0 0 0 22.788 22.788 -173 22.615
Wisselkoersverschillen als gevolg
van heromrekening van buitenlandse
dochtervennootschap en herwaarderingsreserve
0 0 -150 0 0 -150 0 -150
Herwaardering beleggingen 0 0 0 0 0 0 0 0
Kapitaalverhoging 0 0 0 0 0 0 857 857
Op aandelen gebaseerde betaling 0 0 0 176 0 176 0 176
Balans per 31 december 2017 151.991 157.661 -335 -13.141 -163.546 132.630 727 133.357

De bijgaande toelichtingen van secties 5.5 tot 5.7 vormen een integraal deel van deze Geconsolideerde Jaarrekening.

5.5. Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening

5.5.1. Verslaggevende entiteit

ThromboGenics NV, een naamloze vennootschap naar Belgisch recht, met maatschappelijke zetel te Gaston Geenslaan 1, B-3001 Leuven, en haar dochterondernemingen ThromboGenics, Inc. en Oncurious NV, zijn een biofarmaceutische Groep die zich toelegt op de ontwikkeling van innovatieve geneesmiddelen voor de behandeling van oogaandoeningen en kanker. De ThromboGenics NV Groep (de "Groep") heeft een pijplijn uitgebouwd van kandidaat-geneesmiddelen, waarvan er een aantal zich in het stadium van klinische studies bevinden. De onderzoeksen ontwikkelingsfaciliteiten van de Groep bevinden zich in België.

De geconsolideerde jaarrekening van ThromboGenics NV, afgesloten op 31 december 2017, omvat ThromboGenics NV en haar dochterondernemingen ThromboGenics, Inc. en Oncurious NV, die samen ThromboGenics NV Groep vormen.

Deze geconsolideerde jaarrekening werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 15 maart 2018. Eventuele wijzigingen aan dit financieel verslag kunnen doorgevoerd worden tot aan de Algemene Vergadering van 2 mei 2018.

5.5.2. Toepassing van nieuwe en herziene standaarden en interpretaties

Nieuwe en herziene standaarden en interpretaties toegepast door de Groep

De Groep heeft gedurende het huidige boekjaar alle nieuwe en herziene standaarden en interpretaties toegepast die zijn uitgevaardigd door het International Accounting Standards Board (IASB) en het International Financial Reporting Interpretations Committee (IFRIC) van de IASB, en die zijn goedgekeurd door de Europese Unie en van kracht zijn voor het boekjaar dat startte op 1 januari 2017. De Groep heeft geen nieuwe IFRS-richtlijnen toegepast die nog niet van kracht waren op 31 december 2017. De volgende nieuwe en herziene standaarden en interpretaties, uitgevaardigd door het IASB en het IFRIC en goedgekeurd door de Europese Unie, zijn van kracht voor het huidige boekjaar:

  • IAS 7 Kasstroomoverzicht Wijzigingen als gevolg van het initiatief rond informatieverschaffing (januari 2016)
  • IAS 12 Winstbelastingen Wijzigingen m.b.t de opname van uitgestelde belastingvorderingen voor niet-gerealiseerde verliezen (januari 2016)

De toepassing van deze nieuwe standaarden en wijzigingen heeft niet geleid tot belangrijke wijzigingen in de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep.

Standaarden en interpretaties uitgevaardigd maar nog niet van kracht voor het huidige boekjaar

De Groep heeft ervoor gekozen om de volgende nieuwe standaarden, interpretaties en wijzigingen, die door de IASB en het IFRIC zijn uitgevaardigd, maar die per 31 december 2017 nog niet in werking waren getreden en/of nog niet door de Europese Unie werden onderschreven, en die relevante gevolgen kunnen hebben, niet vroegtijdig toe te passen:

  • Jaarlijks verbeteringsproces 2014 2016 (december 2016) *
  • Jaarlijks verbeteringsproces 2015 2017 (december 2017) *
  • IFRS 2 Op aandelen gebaseerde betalingen Wijzigingen ter verduidelijking van de classificatie en waardering van op aandelen gebaseerde betalingstransacties (juni 2016) *
  • IFRS 4 Verzekeringscontracten Wijzigingen m.b.t. de wisselwerking tussen IFRS 4 en IFRS 9 (september 2016)
  • IFRS 7 Financiële instrumenten: Informatieverschaffing (wijzigingen december 2011) – Uitstel van de verplichte datum van inwerkingtreding van IFRS 9 en wijzigingen aan de informatieverschaffing in de overgangsfase
  • IFRS 7 Financiële instrumenten: Informatieverschaffing (wijziging november 2013) – Bijkomende informatieverschaffing inzake hedge accounting (en daaruitvolgende wijzigingen) als gevolg van de invoering van het hoofdstuk Hedge accounting in IFRS 9
  • IFRS 9 Financiële instrumenten Classificatie en waardering (aanvankelijk uitgevaardigd in 2014 en daaropvolgende wijzigingen)
  • IFRS 9 Financiële instrumenten Wijzigingen m.b.t. voorafbetalingskenmerken met negatieve compensatie (oktober 2017) *
  • IFRS 10 Geconsolideerde jaarrekening Wijzigingen m.b.t. de verkoop of inbreng van activa tussen een investeerder en zijn geassocieerde deelneming of joint venture (september 2014) ***
  • IFRS 14 Uitgestelde rekeningen in verband met prijsregulering (aanvankelijk uitgevaardigd in januari 2014) **
  • IFRS 15 Opbrengsten van contracten met klanten (aanvankelijk uitgevaardigd in mei 2014 en daaropvolgende wijzigingen)
  • FRS 15 Opbrengsten van contracten met klanten Toelichtingen (aanvankelijk uitgevaardigd in april 2016)
  • IFRS 16 Lease-overeenkomsten (aanvankelijk uitgevaardigd in januari 2016)
  • IFRS 17 Verzekeringscontracten (aanvankelijk uitgevaardigd in mei 2017) *

  • IFRS 28 Investeringen in geassocieerde deelnemingen en joint ventures – Wijzigingen m.b.t. de verkoop of inbreng van activa tussen een investeerder en zijn geassocieerde deelneming of joint venture (september 2014) ***

  • IFRS 28 Investeringen in geassocieerde deelnemingen en joint ventures – Wijzigingen m.b.t. langetermijnrente in geassocieerde deelnemingen en joint ventures (oktober 2017) ***
  • IAS 39 Financiële instrumenten: Opname en waardering Wijzigingen voor de voortzetting van hedge accounting (reëlewaardeafdekking van het renterisico) bij toepassing van IFRS 9 (november 2013)
  • IAS 40 Investeringseigendom: Wijzigingen ter toelichting van overdrachten of eigendom naar, of van, investeringseigendom (december 2016) *
  • IFRIC 22 Transacties in vreemde valuta en voorafbetalingen (december 2016) *
  • IFRIC 23 Verwerking van onzekere belastingposities (juni 2017) *

* Op 31 december 2017 nog niet goedgekeurd door de EU

** De EC heeft besloten het goedkeuringsproces van deze tussentijdse standaard nog niet op te starten en te wachten op de finale standaard.

*** De EC heeft besloten het goedkeuringsproces van deze wijzigingen nog niet op te starten en de datum van inwerkingtreding voor onbepaalde tijd uit te stellen.

De volgende nieuwe en herziene standaarden en interpretaties, die niet in deze jaarrekening toegepast werden, zullen of kunnen een impact hebben op de toekomstige jaarrekening van de Groep:

IFRS 15: we verwijzen naar de opmerkingen in punt 5.5.3.F. IFRS 16: we verwijzen naar de opmerkingen in punt 5.5.3.K. IFRS 9: we verwijzen naar de opmerkingen in punt 5.5.3.O.

De andere nieuwe standaarden, interpretaties en wijzigingen, die van kracht zijn voor de jaren volgend op 1 januari 2017, die door de IASB en het IFRIC zijn uitgevaardigd, maar die per 31 december 2017 nog niet in werking waren getreden en/of nog niet door de Europese Unie werden onderschreven, zullen naar verwachting geen materiële gevolgen hebben voor de toekomstige financiële verslaggeving van de Groep.

5.5.3. Gehanteerde grondslagen bij het opstellen van de jaarrekening

De voornaamste grondslagen bij het opstellen van deze geconsolideerde jaarrekening worden hieronder uiteengezet.

(A) OVEREENSTEMMINGSVERKLARING

Deze geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals uitgevaardigd door de International Accounting Standards Board (IASB) en aangenomen door de Europese Unie (hierna "IFRS" genoemd). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro.

(B) WAARDERINGSBASIS

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van historische kosten, met uitzondering van de volgende van materieel belang zijnde balansposten:

  • financiële instrumenten tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening worden gewaardeerd tegen reële waarde;
  • verplichtingen uit hoofde van op aandelen gebaseerde betalingstransacties die in eigen vermogen worden afgewikkeld, worden gewaardeerd tegen reële waarde;
  • het uit hoofde van de toegezegd-pensioenregeling opgenomen actief wordt gewaardeerd tegen het saldo van de fondsbelegging plus de niet-opgenomen pensioenkosten van verstreken diensttijd en niet-opgenomen actuariële verliezen, verminderd met niet-opgenomen actuariële winsten en de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegde pensioenrechten.

(C) CONTINUÏTEIT

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in de veronderstelling van voortzetting van de activiteiten van de Groep.

Op 31 december 2017 vertoont de balans nog steeds een sterk eigen vermogen van 137,9 miljoen euro, tegenover 114,1 miljoen euro op 31 december 2016. Rekening houdend met de huidige beschikbare kaspositie, is de Raad van Bestuur van mening dat alle financiële verplichtingen nagekomen zullen worden en dat alle onderzoeksprogramma's voortgezet kunnen worden. Vermits de vennootschap al haar financiële verplichtingen kan nakomen, meent de Raad van Bestuur dat de vennootschap haar bedrijfsactiviteiten kan voortzetten.

(D) GRONDSLAGEN VOOR CONSOLIDATIE

Dochterondernemingen

De geconsolideerde jaarrekening omvat alle entiteiten die worden gecontroleerd door de Groep. De controle bestaat wanneer ThromboGenics NV de bevoegdheid heeft om rechtstreeks of onrechtstreeks het financiële en bedrijfsbeleid te bepalen en winsten haalt uit de activiteiten van de entiteiten. De controle wordt verondersteld te bestaan wanneer ThromboGenics NV, rechtstreeks of onrechtstreeks, een participatie heeft van meer dan de helft van de stemrechten verbonden aan het aandelenkapitaal. Het bestaan en het effect van mogelijke stemrechten, die momenteel uitoefenbaar of converteerbaar zijn, worden overwogen bij de beoordeling of de Groep een andere entiteit controleert.

Dochterondernemingen worden volledig geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle wordt overgedragen aan de Groep. Ze worden gedeconsolideerd vanaf de datum waarop de controle ophoudt te bestaan.

Intra-groep transacties, saldi en niet-gerealiseerde winsten en verliezen op transacties tussen vennootschappen van de Groep worden geëlimineerd bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening. De niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze als de niet-gerealiseerde winsten geëlimineerd, tenzij de transactie duidt op een bijzonder waardeverminderingsverlies van de overgedragen activa. De boekhoudkundige principes van de dochterondernemingen werden waar nodig aangepast om consistent te zijn met de principes die aangenomen werden door de Groep.

(E) BEDRIJFSCOMBINATIES EN GOODWILL

Bedrijfscombinaties worden verwerkt door toepassing van de overnamemethode. De kostprijs van een overname wordt berekend op basis van de reële waarde van de afgestane activa, de als vergoeding uitgegeven eigen-vermogensinstrumenten en de aangegane of overgenomen verplichtingen op datum van de overname, plus de kosten die rechtstreeks toe te rekenen zijn aan de overname. De kostprijs wordt toegerekend aan de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de overgenomen partij. Deze identificeerbare verworven activa en (voorwaardelijke) verplichtingen worden aanvankelijk gewaardeerd tegen hun reële waarde op datum van de overname.

Het bedrag waarmee de kostprijs van de overname de reële waarde van het belang van de Groep in de identificeerbare verworven netto-activa overschrijdt, wordt verwerkt als goodwill. Wanneer de overnamekost lager is dan de reële waarde van de netto-activa van de overgenomen dochteronderneming, wordt het resterende verschil na herwaardering rechtstreeks opgenomen in de resultatenrekening.

De goodwill is gewaardeerd als het verschil tussen de vergoeding betaald voor de bedrijfscombinatie en het nettosaldo van de op de overnamedatum vastgestelde bedragen van de verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen, gewaardeerd in overeenstemming met IFRS 3.

(F) OMREKENING VAN VREEMDE VALUTA

Functionele valuta en presentatievaluta

De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in duizenden euro, de functionele valuta van ThromboGenics NV. Alle vennootschappen binnen de Groep hanteren de euro als functionele valuta, behalve de Amerikaanse dochteronderneming die de Amerikaanse dollar gebruikt als functionele valuta.

Transacties en balansen in vreemde valuta

Transacties uitgedrukt in andere munten dan de functionele munt, worden opgenomen tegen de wisselkoersen die van kracht zijn op de transactiedatum. Op elke balans worden de monetaire activa en passiva, uitgedrukt in vreemde valuta, omgerekend naar de functionele valuta tegen de wisselkoersen die van kracht zijn op de balansdatum. De valutakoersverschillen met betrekking tot de monetaire posten omvatten het verschil tussen de geamortiseerde kosten in de functionele valuta aan het begin van de periode, gecorrigeerd voor de effectieve rente(betalingen) gedurende de periode, en de geamortiseerde kosten van tegen de wisselkoers aan het einde van de periode omgerekende vreemde valuta. Niet-monetaire activa en verplichtingen die worden opgenomen tegen reële waarde, uitgedrukt in vreemde valuta, worden omgerekend tegen de wisselkoersen die van kracht waren op het ogenblik dat de reële waarde werd bepaald. Winsten en verliezen die het gevolg zijn van de omrekening worden opgenomen in de winst- en verliesrekening voor de periode, uitgezonderd wisselkoersverschillen die voortvloeien uit nietmonetaire activa en verplichtingen tegen reële waarde, waarbij de schommelingen in reële waarde rechtstreeks worden opgenomen in het eigen vermogen.

Buitenlandse activiteiten

Bij de consolidatie worden de activa en passiva met inbegrip van goodwill en bij consolidatie ontstane reële-waardecorrecties van de buitenlandse activiteiten van de Groep omgerekend tegen de wisselkoersen die van kracht zijn op de balansdatum. Baten en lasten worden omgerekend tegen de gemiddelde wisselkoers voor de periode. Wanneer er wisselkoersverschillen zijn, worden deze geclassificeerd als eigen vermogen en overgedragen naar de omrekeningsreserve van de Groep. Deze omrekeningsverschillen worden opgenomen in baten of lasten in de periode waarin de activiteit wordt afgesloten.

(G) OMZETERKENNING

Geïnde betalingen van onderzoeksmijlpalen worden beschouwd als omzet op het ogenblik van de betaling. Verkoopsovereenkomsten bevatten geen clausule tot terugbetaling.

Royalty's worden gegenereerd onder licentieovereenkomsten op basis van verkopen door licentiehouders van producten die de intern ontwikkelde technologie van de Groep bevatten. Royalty's worden opgenomen zodra de verschuldigde bedragen op een betrouwbare manier kunnen worden geraamd op basis van de verkoop van de onderliggende producten en wanneer invorderbaarheid verzekerd is. Wanneer de Groep niet in staat is om op betrouwbare wijze de verschuldigde royalty-inkomsten te ramen tot op het ogenblik van ontvangst van de betaling, worden de royalty-inkomsten opgenomen op het moment van ontvangst in plaats van op het moment dat deze verschuldigd zijn.

Opbrengsten uit de verkoop van producten en licenties worden opgenomen als alle volgende voorwaarden zijn vervuld:

  • De significante risico's en rechten van eigendom van de goederen werden overgedragen aan de koper;
  • De Groep behoudt over de verkochte goederen niet de feitelijke zeggenschap of betrokkenheid die gewoonlijk toekomt aan de eigenaar;
  • Het bedrag van de opbrengsten kan op betrouwbare wijze worden gewaardeerd;
  • Het is waarschijnlijk dat de economische voordelen met betrekking tot de transactie naar de onderneming zullen vloeien; en
  • De reeds gemaakte of nog te maken kosten met betrekking tot de transactie kunnen op betrouwbare wijze worden gewaardeerd.

De Groep zal vanaf 1 januari 2018 de nieuwe standard IFRS 15 toepassen – Opbrengsten van contracten met klanten.

Onder het model in vijf stappen vastgelegd door de standaard, concentreert de hoofdanalyse van de Groep zich op het identificeren van de uitvoeringsverplichtingen die zijn contracten met meerdere elementen bevatten en op de toewijzing van de transactieprijs volgens de stand-alone verkoopprijs van elke uitvoeringsverplichting.

Opbrengst voor ThromboGenics bestaat uit de verkoop van JETREA® vials aan distributeurs, royalties voor JETREA® vial verkoop aan licentiehouders en occasionele vooruitbetalingen en mijlpaalvergoedingen overeengekomen in licentie- en samenwerkingsovereenkomsten die het doorrekenen van gemaakte dienstenkosten kunnen bevatten.

De Groep heeft ervoor gekozen om IFRS 15 met terugwerkende kracht toe te passen en het cumulatieve effect om het initieel als een aanpassing op de openingsbalans van de ingehouden inkomsten per 1 januari 2018 te erkennen. Aangezien dit effect niet materieel is, zal er geen aanpassing gebeuren.

(H) ONDERZOEKSSUBSIDIES

Voor bepaalde specifieke onderzoeksprojecten worden de onderzoekskosten gedeeltelijk terugbetaald door het Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie (IWT). Deze subsidies worden opgenomen als baten uit overheidssubsidies voor de periode van de subsidie wanneer er een redelijke zekerheid bestaat dat de Groep de hieraan verbonden voorwaarden zal naleven en dat de subsidies zullen worden ontvangen. Subsidies die de vennootschap vergoeden voor de opgelopen kosten worden afgetrokken van de onderzoeks- en ontwikkelingskosten en dit systematisch in dezelfde periode waarin de kosten werden opgelopen.

(I) SAMENWERKINGSOVEREENKOMSTEN INZAKE ONDERZOEK EN ONTWIKKELING

De Groep heeft bepaalde samenwerkingsovereenkomsten afgesloten waarbij de partijen zijn overeengekomen samen te werken rond het onderzoek en de ontwikkeling van mogelijke therapeutische producten. Onder deze overeenkomsten zijn de partijen overeengekomen over wie zal instaan voor welke elementen van de onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten. Deze overeenkomsten bevatten geen enkele clausule met betrekking tot de oprichting van een afzonderlijke entiteit om deze activiteiten uit te voeren of de creatie van afzonderlijke en welbepaalde activa en passiva. De partijen zijn overeengekomen dat de gezamenlijke kostprijs van alle relevante activiteiten gedragen zullen worden door de partijen volgens een welbepaalde verhouding en dat de netto-opbrengsten uit de verkoop van alle hieruit resulterende producten gedeeld zullen worden volgens een welbepaalde verhouding. Het delen van de kosten zal resulteren in compenserende betalingen tussen de partijen en deze debiteuren- of crediteurenbetalingen zullen respectievelijk opgeteld worden bij of afgetrokken worden van de onderzoeks- en ontwikkelingskosten in de resultatenrekening. Alle terug te vorderen of te betalen bedragen aan het einde van de periode worden opgenomen in de balans onder handels- en overige vorderingen of overige kortlopende verplichtingen.

(J) IMMATERIËLE ACTIVA

Intern ontwikkelde immateriële activa

Onderzoekskosten worden opgenomen in de resultatenrekening naarmate ze worden opgelopen.

Een intern ontwikkeld immaterieel actief (zie toelichting 5.7.2) dat voortvloeit uit ontwikkelingsactiviteiten vanwege de Groep, wordt enkel opgenomen als alle volgende voorwaarden zijn vervuld:

  • Technische mogelijkheid om het immateriële actief gebruiksklaar te maken;
  • Intentie tot vervollediging van het immateriële actief en gebruik of verkoop ervan;
  • Mogelijkheid tot gebruik of verkoop van het immateriële actief;
  • Het immateriële actief zal waarschijnlijk toekomstige economische voordelen genereren, of het bestaan van een markt aantonen;
  • Beschikbaarheid van adequate technische, voldoende financiële middelen om de ontwikkeling te beëindigen;
  • Beschikbaarheid van betrouwbare vastlegging van de toegewezen uitgaven voor dit immaterieel actief tijdens de ontwikkeling.

De octrooikosten voor het beschermen van de immateriële activa worden opgenomen als kost.

Na hun initiële opname op de balans worden de immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. De afschrijving van geactiveerde ontwikkelingskosten wordt geboekt in de resultatenrekening onder Onderzoeks- en ontwikkelingskosten.

De geactiveerde kosten worden afgeschreven over de levensduur van het octrooi vanaf het ogenblik dat er inkomsten worden gegenereerd.

Wanneer er niet aan de criteria wordt voldaan om de ontwikkelingskosten te kunnen activeren, zullen deze kosten worden opgenomen tijdens de periode naarmate ze worden opgelopen.

ThromboGenics heeft sinds 2008 klinische studiekosten m.b.t. ocriplasmine geactiveerd omdat dit project zich in fase III bevond en de kans op toekomstige commercialisering hoog werd ingeschat. De immateriële activa bestaan uit externe studie- en productiekosten in onderaanneming en interne ontwikkelingskosten die betrekking hebben op alle projecten in fase III.

Aangekochte immateriële activa

Aangekochte softwarelicenties worden geactiveerd op basis van de kosten die gemaakt worden om de specifieke software aan te kopen en in werking te stellen. Deze kosten worden afgeschreven over de geschatte gebruiksduur van de betrokken activa, die normaal op drie jaar geschat wordt.

De verworven kennis in de vorm van licenties wordt opgenomen tegen kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Deze worden afgeschreven op een lineaire basis over hun geschatte gebruiksduur, die gelijk is aan de periode gedurende dewelke de Groep verwacht economische voordelen te halen uit deze licenties.

Goodwill

(Negatieve) goodwill vloeit voort uit de verwerving van dochterondernemingen, niet-geconsolideerde ondernemingen en joint ventures.

Overnames vóór 1 januari 2003

In het kader van de overgang naar IFRS heeft de Groep ervoor gekozen alleen de bedrijfscombinaties opnieuw te vermelden die op of na 1 januari 2003 plaatsvonden. Bij overnames voorafgaand aan 1 januari 2003 betreft de post goodwill het bedrag zoals dat in het vorige stelsel, namelijk de Ierse boekhoudprincipes, werd verwerkt.

Overnames op of na 1 januari 2003

Voor overnames die op of na 1 januari 2003 plaatsvonden, vertegenwoordigt de goodwill het verschil tussen de kostprijs van de overname en het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de overgenomen partij. Is dat verschil negatief (negatieve goodwill), dan wordt dit onmiddellijk in de winst- en verliesrekening verantwoord.

Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

(K) MATERIËLE VASTE ACTIVA

Materiële vaste activa worden opgenomen tegen historische kostprijs (alleen materiaalkosten), verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Latere kosten worden opgenomen in de boekwaarde van het actief of geboekt als een afzonderlijk actief, maar alleen wanneer het waarschijnlijk is dat toekomstige economische voordelen verbonden aan het actief naar de Groep zullen vloeien en wanneer de kostprijs van het actief op betrouwbare wijze kan worden bepaald. Alle overige herstellings- en onderhoudskosten worden opgenomen in de resultatenrekening op het ogenblik dat ze gemaakt worden. De kostprijs van buiten gebruik gestelde (naar aanleiding van een verkoop) of op een andere wijze afgestoten activa en de hieraan verbonden gecumuleerde afschrijving, wordt opgenomen in de resultatenrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij verkoop in het jaar waarin de verkoop plaatsvond. Winsten en verliezen op de verkoop van materiële vaste activa worden opgenomen in overige baten of lasten.

Afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode om de kostprijs van materiële vaste activa, in de mate dat deze de restwaarde overtreft, toe te wijzen over de verwachte gebruiksduur:

  • Eigendom, machines, installaties en uitrusting: 3 tot 5 jaar
  • Meubilair en rollend materiaal: 3 tot 5 jaar

De afschrijvingsmethoden, gebruiksduur en restwaarde worden op elke rapporteringsdatum opnieuw geëvalueerd.

Kosten na eerste opname

De kostprijs van de vervanging van een deel van een materieel vast actief wordt in de boekwaarde van dat actief opgenomen indien het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen verbonden aan het actief naar de Groep zullen vloeien en wanneer de kostprijs van het actief op betrouwbare wijze kan worden bepaald. De boekwaarde van het vervangen onderdeel wordt niet langer in de balans opgenomen. De kosten van het dagelijkse onderhoud van materiële vaste activa worden opgenomen in de winst- en verliesrekening op het ogenblik dat ze worden gemaakt.

(L) GELEASEDE ACTIVA

Leaseovereenkomsten worden geclassificeerd als financiële leases indien volgens de voorwaarden van de leaseovereenkomst substantieel alle risico's en rechten eigen aan het eigendom worden overgedragen aan de leasingnemer. Bij de eerste opname wordt het geleasede actief gewaardeerd op de laagste van de reële waarde en de contante waarde van de minimale leasebetalingen. Na de eerste opname gebeurt de verwerking in overeenstemming met de van toepassing zijnde grondslag.

Alle andere leaseovereenkomsten worden geclassificeerd als operationele leases.

Te betalen huurgelden als gevolg van operationele leases worden in de resultatenrekening geboekt op lineaire basis over de leaseperiode.

De vennootschap zal standaard IFRS 16 toepassen volgens de vereiste termijn. De belangrijkste leaseovereenkomsten betreffen kantoren, auto's en bepaalde uitrusting. Vanaf vandaag is de impact niet gekwantificeerd.

(M) BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN OP GOODWILL, IMMATERIËLE ACTIVA EN MATERIËLE VASTE ACTIVA

Immateriële activa die een onbepaalde gebruiksduur hebben of die nog niet voor gebruik beschikbaar zijn en goodwill worden niet afgeschreven, maar worden jaarlijks onderworpen aan een onderzoek op bijzondere waardevermindering of als er een aanwijzing is dat een actief een bijzondere waardevermindering kan hebben.

Activa die afgeschreven worden, worden geëvalueerd op bijzondere waardevermindering wanneer gebeurtenissen of wijzigingen in de omgeving erop wijzen dat de boekwaarde niet kan worden gerecupereerd.

Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt opgenomen voor het bedrag waarmee de boekwaarde van het actief de realiseerbare waarde ervan overschrijdt. De realiseerbare waarde is het hoogste van de reële waarde van het actief min de verkoopkosten enerzijds, en de bedrijfswaarde anderzijds.

Bij het bepalen van de boekwaarde wordt de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen berekend met behulp van een disconteringsvoet vóór belasting die een afspiegeling is van zowel de actuele markttaxaties van de tijdswaarde van geld als van de specifieke risico's met betrekking tot de activa. Om de bijzondere waardevermindering te kunnen beoordelen, worden de activa gegroepeerd op de laagste niveaus waarvoor er afzonderlijk identificeerbare kasstromen bestaan (kasstroomgenererende eenheden). In de eerste plaats wordt het bijzonder waardeverminderingsverlies toegewezen om de boekwaarde van de goodwill die verband houdt met de kasstroomgenererende eenheid te verminderen. Vervolgens zal het resterende bedrag van het waardeverminderingsverlies pro rata worden toegewezen aan de andere activa waarvoor geen realiseerbare waarde meer kon worden berekend. Een bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen voor goodwill, wordt niet tegengeboekt in de volgende periode. Wanneer een bijzonder waardeverminderingsverlies later wordt tegengeboekt, wordt voor andere activa dan goodwill de boekwaarde van het actief (kasstroomgenererende eenheid) verhoogd tot de herziene schatting van de realiseerbare waarde ervan, maar wel zodanig dat de verhoogde boekwaarde niet hoger is dan de boekwaarde die zou zijn bepaald wanneer tijdens de voorgaande jaren geen bijzonder waardeverminderingsverlies voor het actief (kasstroomgenererende eenheid) was opgenomen. Een tegenboeking van het bijzonder waardeverminderingsverlies wordt rechtstreeks in de resultatenrekening opgenomen.

(N) BELASTINGEN

De kosten inzake belastingen in de winst- en verliesrekening omvatten de verschuldigde belasting.

De verschuldigde belasting is de naar verwachting te betalen belasting over de belastbare winst. De belastbare winst verschilt van de nettowinst zoals deze wordt weergegeven in de resultatenrekening, aangezien deze bepaalde baten- of lastenposten uitsluit die belastbaar of aftrekbaar zijn in andere jaren en bovendien posten uitsluit die nooit belastbaar of aftrekbaar zijn. De belastingverplichtingen van de Groep worden berekend op basis van de belastingtarieven die vastgesteld werden of substantieel vastgesteld werden op de balansdatum.

Uitgestelde belasting is de belasting waarvan verwacht wordt dat deze betaalbaar of invorderbaar is op verschillen tussen de boekwaarde van de activa en passiva in de jaarrekening en de overeenkomstige fiscale basis die gebruikt wordt bij de berekening van de belastbare winst, en wordt geboekt aan de hand van de zgn. balansmethode.

Uitgestelde belastingverplichtingen worden over het algemeen opgenomen voor alle belastbare tijdelijke verschillen. Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen in de mate dat het te verwachten valt dat er belastbare winst beschikbaar zal zijn waartegen de aftrekbare tijdelijke verschillen kunnen worden aangewend. Dergelijke activa en passiva worden niet opgenomen wanneer de tijdelijke verschillen voortvloeien uit goodwill (of negatieve goodwill) of uit de initiële opname van activa en passiva in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en die geen invloed heeft op de belastbare winst noch op de boekhoudkundige winst.

Uitgestelde belastingverplichtingen worden opgenomen voor belastbare tijdelijke verschillen die voortvloeien uit investeringen in dochterondernemingen en verbonden ondernemingen, en belangen in joint ventures, behalve wanneer de Groep in staat is de ommekeer van het tijdelijke verschil te controleren en het waarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil in de nabije toekomst niet zal worden afgewikkeld.

De boekwaarde van de uitgestelde belastingvorderingen wordt herzien op iedere balansdatum en verminderd in die mate dat het niet langer te verwachten valt dat voldoende belastbare winsten beschikbaar zullen zijn om het geheel of een deel van het actief te kunnen recupereren.

Uitgestelde belasting wordt berekend tegen de belastingtarieven die verwacht worden van toepassing te zijn in de periode wanneer de verplichting geregeld wordt of het actief gerealiseerd wordt. Uitgestelde belasting wordt gedebiteerd of gecrediteerd in de winst- en verliesrekening, behalve wanneer ze betrekking heeft op posten die rechtstreeks gedebiteerd of gecrediteerd worden in niet-gerealiseerd resultaat. In dat geval wordt de uitgestelde belasting eveneens opgenomen in niet-gerealiseerd resultaat.

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd wanneer ze betrekking hebben op belasting die geheven wordt door dezelfde belastingoverheid en de Groep van plan is om haar belastingvorderingen en -verplichtingen op een nettobasis te regelen.

(O) PERSONEELSBELONINGEN

Pensioenverplichtingen

Met ingang van 1 juli 2009 heeft de Groep haar bestaande pensioenregeling omgezet van een toegezegd-pensioenregeling (defined benefit) naar een vastebijdrageregeling (defined contribution). De tot en met 30 juni 2009 opgebouwde rechten blijven evenwel behouden. Bijgevolg combineert de Groep nu een toegezegd-pensioenregeling en een vastebijdrageregeling.

Voor beide regelingen worden de activa aangehouden in afzonderlijke in trust ondergebrachte fondsen.

Verplichtingen in verband met bijdragen aan pensioenregelingen op basis van vaste bijdragen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen als kosten voor personeelsbeloningen wanneer de bijdragen verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde bedragen worden opgenomen als actief voor zover een terugbetaling in contanten of een verlaging van toekomstige betalingen beschikbaar is.

De verbintenissen van de Groep onder de toegezegd-pensioenregeling, en de hieraan verbonden kosten, worden gewaardeerd volgens de "projected unit credit"-methode, waarbij op elke balansdatum actuariële waarderingen worden uitgevoerd door een bevoegde actuaris. Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk opgenomen in de mate dat de voordelen reeds zijn toegekend. Zo niet worden deze afgeschreven op lineaire basis over de gemiddelde periode totdat de voordelen worden toegekend.

De pensioenverplichting die werd opgenomen in de balans, vertegenwoordigt de huidige waarde van de toegezegd-pensioenverplichting zoals deze werd aangepast voor niet-opgenomen actuariële winsten en verliezen en niet-opgenomen pensioenkosten van verstreken diensttijd, en zoals deze werd verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. Elk actief dat resulteert uit deze berekening is beperkt tot het nettototaal van de niet-opgenomen actuariële verliezen en pensioenkosten van verstreken diensttijd, vermeerderd met de huidige waarde van de toekomstig beschikbare terugbetalingen en verminderingen in toekomstige bijdragen aan het fonds.

Geen activa noch passiva werden in de balans van de Groep opgenomen als vastebijdrageregeling, behalve de regelmatige voorafbetalingen en de voorzieningen van de bijdragen. Aangezien ThromboGenics bij wet vereist is om een minimumrendement op de werknemers- en werkgeversbijdragen voor de Belgische vastebijdrageregeling te garanderen, wordt deze regeling in principe beschouwd als toegezegd-pensioenverplichting. De vennootschap heeft echter de bevestiging gekregen dat deze regeling verzekerd is door de verzekeringsmaatschappij, wat de afwezigheid van enige aansprakelijkheid en bijkomende verklarende toelichting rechtvaardigt.

Er werden geen overige vergoedingen op lange of korte termijn toegekend aan de werknemers, met uitzondering van warranten.

Op aandelen gebaseerde vergoedingen

De Groep maakt gebruik van in eigen vermogen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde vergoedingsplannen op basis waarvan ze aandelenopties (opties die de houder het recht geven in te tekenen op een specifiek aantal aandelen overeenkomstig het aandelenoptieplan, hierna "warranten" genoemd) toekent aan werknemers, consultants en uitvoerende leden van de Raad van Bestuur. De reële waarde van de door de werknemer verleende diensten in ruil voor de toekenning van de warranten wordt over de verwervingsperiode opgenomen als een kost met een overeenkomstige stijging van het eigen vermogen.

Het totale in kosten te nemen bedrag over de verwervingsperiode wordt bepaald op basis van de reële waarde van de toegekende warranten en wordt gewaardeerd volgens het Black/Scholesmodel, waarbij rekening wordt gehouden met de voorwaarden op basis waarvan de warranten werden toegekend, zonder rekening te houden met de impact van niet-marktgerelateerde verwervingsvoorwaarden. Op elke balansdatum herziet de entiteit haar ramingen van het aantal warranten dat verwacht wordt uitoefenbaar te worden, behalve wanneer de warranten niet verworven zijn. Ze neemt de impact van de herziening van de oorspronkelijke eventuele ramingen op in de resultatenrekening, en een overeenkomstige aanpassing van het eigen vermogen over de resterende verwervingsperiode. De ontvangen opbrengsten, verminderd met eventuele rechtstreeks toerekenbare transactiekosten, worden gecrediteerd op de rekening aandelenkapitaal (nominale waarde) en de rekening uitgiftepremie wanneer de warranten worden uitgeoefend.

(P) FINANCIËLE INSTRUMENTEN

Financiële activa en financiële passiva worden opgenomen op de balans van de Groep wanneer de Groep een partij wordt in de contractuele voorzieningen van het instrument.

Update IFRS 9, oktober 2017

De vennootschap is niet betrokken bij voorafbetalingen met negatieve compensatie.

De vennootschap verwacht geen impact van deze update op haar financiële rapportering.

Niet-afgeleide financiële instrumenten

Handels- en andere vorderingen

Bij de initiële opname worden handelsvorderingen gewaardeerd tegen reële waarde, en vervolgens tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode. Voorzieningen voor verwachte, niet-invorderbare bedragen worden opgenomen in de resultatenrekening wanneer er objectieve bewijzen bestaan dat het actief in waarde is gedaald. De opgenomen voorziening wordt gewaardeerd als het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de huidige waarde van de verwachte toekomstige kasstromen die worden verdisconteerd tegen de effectieve rentevoet die berekend werd bij de eerste opname.

Beleggingen

De beleggingen worden gewaardeerd tegen de reële waarde. De reële-waardeaanpassing wordt opgenomen in de overige reserves totdat de beleggingen niet langer in de balans worden opgenomen of een bijzondere waardevermindering ondergaan. De bijzondere waardevermindering wordt opgenomen in de resultatenrekening.

Geldmiddelen en kasequivalenten

Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten direct opvraagbare deposito's en andere zeer liquide beleggingen op korte termijn (met een looptijd van minder dan drie maanden) die snel omgezet kunnen worden in een bekend bedrag aan contanten en waarvoor een gering risico op waardeschommelingen bestaat.

Financiële verplichtingen en eigen vermogen

Financiële verplichtingen en eigen-vermogeninstrumenten die worden uitgegeven door de Groep worden geclassificeerd op basis van de inhoud van de contractuele overeenkomsten die werden afgesloten en op basis van de definities van een financiële verplichting en een eigen-vermogensinstrument. Een eigenvermogensinstrument is elk contract dat duidt op een resterend belang in de activa van de Groep na aftrek van alle verplichtingen. De boekhoudkundige principes die zijn aangenomen voor specifieke financiële verplichtingen en eigen-vermogensinstrumenten worden hieronder beschreven.

Handelsschulden

Handelsschulden worden in eerste instantie gewaardeerd tegen hun reële waarde, en vervolgens tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode.

Korte Termijnschulden

Korte termijnschulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Afgeleide financiële instrumenten

De Groep heeft als beleid zich niet te begeven in speculatieve transacties, noch financiële instrumenten uit te geven of aan te houden voor handelsdoeleinden.

Bijzondere waardeverminderingen van financiële activa

Financiële activa worden op balansdatum beoordeeld op bijzondere waardevermindering. Financiële activa zijn onderhevig aan een bijzondere waardevermindering wanneer er objectief kan vastgesteld worden dat, als gevolg van een of meerdere gebeurtenissen na de initiële opname van de financiële activa, de geschatte toekomstige kasstromen van de investering werden beïnvloed.

De boekwaarde van de financiële activa wordt rechtstreeks verminderd met het bijzonder waardeverminderingsverlies, met uitzondering van handelsvorderingen. Bij handelsvorderingen wordt de boekwaarde gereduceerd middels een aparte afwaarderingsrekening. Wanneer een handelsvordering wordt geacht oninbaar te zijn, wordt deze afgeschreven ten opzichte van deze afwaarderingsrekening. Daaropvolgende inningen van bedragen die eerder waren afgeschreven, worden gecrediteerd ten opzichte van deze afwaarderingsrekening. Wijzigingen in de boekwaarde van de afwaarderingsrekening worden opgenomen in de resultatenrekening.

(Q) KAPITAALINSTRUMENTEN

Kapitaalinstrumenten uitgegeven door de Groep zijn geboekt aan het ontvangen bedrag. De directe kosten van de uitgifte worden geboekt als een vermindering van het kapitaal.

(R) FINANCIËLE BATEN EN LASTEN

Financiële baten omvatten de rentebaten op geïnvesteerde gelden. Gerealiseerde en niet gerealiseerde wisselkoersverschillen worden opgenomen onder financiële baten en lasten.

(S) GESEGMENTEERDE INFORMATIE

Een operationeel segment is een onderdeel van een entiteit:

  • dat bedrijfsactiviteiten uitoefent waaruit opbrengsten worden verdiend en waarbij kosten kunnen worden gemaakt (met inbegrip van opbrengsten en kosten uit transacties met andere onderdelen van de entiteit);
  • waarvan de bedrijfsresultaten regelmatig worden beoordeeld door de hoogstgeplaatste functionaris van de entiteit die belangrijke operationele beslissingen neemt (chief operating decision maker) teneinde beslissingen over de aan het segment toe te kennen middelen te kunnen nemen en de financiële prestaties van het segment te evalueren; en
  • waarvoor afzonderlijke financiële informatie beschikbaar is, dat zich ofwel toelegt op het verstrekken van specifieke producten of diensten (bedrijfssegment), ofwel op het

verstrekken van producten of diensten binnen een bepaalde economische omgeving (geografisch segment), die verschillend zijn van de risico's en vergoedingen van andere segmenten. ThromboGenics beschouwt zichzelf als een geïntegreerd O&O en commercieel Biotech bedrijf en rapporteert zijn activiteiten in één enkel algemeen segment.

(T) VOORRADEN

Grondstoffen, hulpstoffen en handelsgoederen worden gewaardeerd tegen de aanschaffingswaarde volgens de FIFO-methode of tegen de marktwaarde op balansdatum als die lager is.

Goederen in bewerking en gereed product worden gewaardeerd tegen een standaardvervaardigingsprijs volgens de FIFO-methode of tegen de marktwaarde op balansdatum als die lager is.

De marktwaarde is de waarde bij verkoop, bij het verlaten van de vennootschap onder normale en gebruikelijke verkoopvoorwaarden, rekening houdend met de gewoonlijk door de onderneming toegestane kortingen, ristorno's en rabatten, na aftrek van een bedrag dat overeenstemt met de normale rechtstreekse verkoopkosten.

De standaardvervaardigingsprijs van de goederen in bewerking en het gereed product omvat naast de aanschaffingsprijs van de grondstoffen, verbruiksgoederen en hulpstoffen ook de productiekosten die rechtstreeks aan het product toerekenbaar zijn, evenals het evenredige deel van de productiekosten die slechts onrechtstreeks aan het product toerekenbaar zijn, voor zover deze kosten betrekking hebben op de normale productieperiode.

Jaarlijks wordt de standaardvervaardigingsprijs vergeleken met de werkelijke vervaardigingsprijs. Het verschil resulteert in een aanpassing van de waarde van de voorraden.

Op de goederen in bewerking worden bijzondere waardeverminderingsverliezen toegepast, indien hun vervaardigingsprijs, vermeerderd met het geraamde bedrag van de nog te maken kosten hoger is dan de nettoverkoopprijs aan het einde van het boekjaar.

Waardeverminderingen op voorraden worden geval per geval beoordeeld en geboekt indien de netto realiseerbare waarde onder de boekwaarde daalt. De berekening van netto realiseerbare waarde houdt rekening met de specifieke karakteristieken van de voorraad, waaronder de vervaldatum en indicaties die wijzen op een lage rotatie.

5.5.4. Belangrijke boekhoudkundige ramingen en beoordelingen

Het opstellen van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS verplicht het management gebruik te maken van ramingen en veronderstellingen die een invloed hebben op de gerapporteerde bedragen van de activa en passiva, de toelichting van de latente activa en passiva op de datum van de jaarrekening, en de gerapporteerde bedragen van opbrengsten en uitgaven in de loop van de verslagperiode. De eigenlijke resultaten kunnen verschillen van deze ramingen.

De voornaamste veronderstellingen met betrekking tot toekomstige ontwikkelingen en de voornaamste bronnen van onzekerheid bij ramingen op de balansdatum, worden hieronder weergegeven.

Op aandelen gebaseerde betalingsschema's

De Groep bepaalt de kostprijs van op aandelen gebaseerde betalingsschema's aan de hand van de reële waarde van het eigenvermogensinstrument op toekenningsdatum. Het bepalen van de reële waarde veronderstelt de keuze van het meest geschikte waarderingsmodel bij deze eigen-vermogensinstrumenten, waarbij de kenmerken van de uitgifte een doorslaggevende invloed hebben. Dit veronderstelt ook de input in het waarderingsmodel van een aantal relevante veronderstellingen, zoals de geschatte levensduur van de optie, de volatiliteit, enz. De beoordelingen en het model worden verder gespecificeerd in toelichting 5.6.10.

Bijzondere waardevermindering van immateriële activa

De Groep activeert ontwikkelingskosten als immateriële activa als aan de voorwaarden voor het erkennen van ontwikkelde immateriële vaste activa is voldaan; anders worden dergelijke kosten opgenomen in de resultatenrekening op het moment dat ze zich voordoen. De kosten worden enkel geactiveerd als het product zich in fase III bevindt en de kans op toekomstig succes zeer waarschijnlijk wordt. Bovendien zijn boekhoudkundige ramingen en beoordelingen in verband met de evolutie van de onderneming in de toekomst ook belangrijk in het kader van het jaarlijkse onderzoek op bijzondere waardevermindering (impairment test).

Opname van opbrengsten

De verkoop van JETREA®-vials aan distributeurs wordt opgenomen op het moment van levering aan de distributeur. Overeenkomstig het beleid inzake de opname van opbrengsten (zie toelichting 5.5.3 (G)) wordt een provisie geboekt met betrekking tot kredieten en terugbetalingen op basis van historische gegevens. Deze wordt op kwartaalbasis herzien.

Royalty's voor de verkoop van JETREA®-vials van licentiehouders worden maandelijks opgenomen op basis van verkoopramingen en per kwartaal aangepast na ontvangst van de verkoopcijfers van de licentiehouders.

Occasionele voorafbetalingen en mijlpaalbetalingen die zijn overeengekomen door middel van licentie- of samenwerkingsovereenkomsten, worden opgenomen op de datum waarop aan de prestatieverplichting wordt voldaan.

De doorrekening van opgelopen kosten voor diensten wordt pas opgenomen nadat de diensten zijn verleend en de aankopende partij haar goedkeuring heeft gegeven.

Belastingen

De Groep is van oordeel dat er een aanzienlijke onzekerheid is omtrent het toekomstig gebruik van de fiscale verliezen van ThromboGenics NV, omdat op dit moment de impact van de octrooi-aftrek op het toekomstig belastbaar resultaat zeer moeilijk kan worden ingeschat. Aangezien de Groep op basis van een fiscale ruling van bovenvermelde octrooi-aftrek kan genieten, bestaat de verwachting dat de toekomstige fiscale winsten eerder beperkt zullen zijn. Daarnaast is er ook onzekerheid in verband met het toekomstige gebruik van de fiscale verliezen van ThromboGenics, Inc.

5.5.5. Segmentinformatie

De segmentinformatie wordt weergegeven op een manier die consistent is met de interne rapportering aan het orgaan van de entiteit dat de belangrijkste operationele beslissingen neemt (chief operating decision maker), teneinde haar in de mogelijkheid te stellen beslissingen te nemen over de aan het segment toe te kennen middelen en de financiële prestaties van het segment te evalueren. Op dit moment wordt binnen ThromboGenics enkel op globaal niveau gerapporteerd.

5.5.6. Financiële instrumenten

ThromboGenics handelt niet in financiële instrumenten voor speculatieve doeleinden.

De enige financiële instrumenten die de Groep momenteel heeft, zijn de zgn. 'leningen en vorderingen' (inclusief geldmiddelen en kasequivalenten) en beleggingsproducten met een totaal bedrag van 115,7 miljoen euro (2016: 80,1 miljoen euro).

Financiële activa en financiële passiva worden opgenomen op de balans van de Groep wanneer de Groep een partij wordt in de contractuele voorzieningen van het instrument.

Gebruik van afgeleide financiële instrumenten, hedging

Op 31 december 2017 waren er geen uitstaande afgeleide financiële instrumenten. De vennootschap dekt zich niet in bij transacties.

Reële waarde

Er is geen significant verschil tussen de reële waarde en de boekwaarde van de geldmiddelen en kasequivalenten, de handelsen overige vorderingen en andere vlottende activa, handelsschulden en overige kortlopende verplichtingen van de Groep.

De boekwaarde van geldmiddelen en kasequivalenten en beleggingen is gelijk aan hun reële waarde, gezien de korte looptijd van deze financiële instrumenten. Zo is ook de historische boekwaarde van debiteuren en crediteuren, die allen onderworpen zijn aan de normale handelskredietvoorwaarden, gelijk aan hun reële waarde.

De voor verkoop beschikbare activa worden gewaardeerd tegen hun reële marktwaarde. Het waarderingsverschil wordt opgenomen in de overige reserves.

5.5.7. Financieel risicobeheer

De financiële afdeling van de moedermaatschappij coördineert de toegang tot de nationale en internationale financiële markten en beschouwt en beheert de financiële risico's met betrekking tot de activiteiten van de Groep. Deze risico's beperken zich echter tot een minimaal wisselkoersrisico. Er zijn geen noemenswaardige risico's, zoals liquiditeitsrisico of renterisico, aangezien de Groep schuldenvrij is en een ruime kaspositie heeft. De Groep koopt of verhandelt geen financiële instrumenten voor speculatieve doeleinden.

(A) KAPITAALBEHEER

De Groep beheert haar kapitaal met als doel te verzekeren dat de Groep in continuïteit kan blijven opereren. Tegelijk wenst de Groep het rendement aan haar belangenhouders te verzekeren via de resultaten van haar onderzoeksactiviteiten, waarvan verwacht wordt dat ze zullen leiden tot een toename van de waarde van de aandelen van de vennootschap. Deze strategie is niet gewijzigd ten opzichte van voorgaande jaren.

De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit beleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten, zoals vermeld in toelichtingen 5.7.6 en 5.7.7, en eigen vermogen toerekenbaar aan de houders van eigen-vermogensinstrumenten van de vennootschap, waaronder kapitaal, reserves en overgedragen resultaten, zoals vermeld in toelichting 5.7.10 en 5.7.11, respectievelijk.

De Groep beheert haar kapitaalstructuur en maakt de nodige aanpassingen in het licht van veranderingen van de economische omstandigheden, de risicokenmerken van de onderliggende activa en de verwachte kasbehoeften van de lopende onderzoeksactiviteiten. Bij de beoordeling van de kapitaalstructuur worden vooral de huidige kassituatie en de verwachte cash burn als voornaamste parameters gehanteerd. De cash burn wordt gedefinieerd als het nettoresultaat gecorrigeerd voor afschrijvingen en verminderd met de investeringen in vaste activa.

De Groep wenst een kapitaalstructuur in stand te houden die volstaat om minstens 12 maanden aan onderzoeksactiviteiten te financieren. Hierbij wordt momenteel geen rekening gehouden met kasinkomsten uit mogelijke samenwerkings- of andere kasgenererende overeenkomsten. Om de kapitaalstructuur in stand te houden, kan de Groep nieuwe aandelen uitgeven of financieringsovereenkomsten afsluiten.

De Groep is niet onderhevig aan enige extern opgelegde kapitaalvereisten.

(B) VOORNAAMSTE BOEKHOUDKUNDIGE PRINCIPES

Details van de voornaamste boekhoudkundige principes en methodes, inclusief de opnamecriteria, de waarderingsbasis en de basis waarop opbrengsten en kosten worden erkend, voor elke categorie van financiële activa, passiva en eigen-vermogensinstrumenten, worden toegelicht in punt 5.5.3.

(C) CATEGORIEËN VAN FINANCIËLE INSTRUMENTEN

De enige financiële instrumenten die de Groep momenteel heeft, zijn :

  • Vorderingen
  • Korte termijn financiële verplichtingen
  • Geldmiddelen, kasequivalenten en beleggingsproducten (zie toelichting 5.7.6 en 5.7.7) voor een totaal bedrag van 115,7 miljoen euro (2016: 80,1 miljoen euro). Als er wordt belegd, is dat vooral in obligaties met een laag risico en termijnbeleggingen.

(D) MARKTRISICO

De activiteiten van de Groep zorgen ervoor dat de opbrengsten van de Groep in eerste instantie zijn blootgesteld aan financiële risico's uit wisselkoersschommelingen. De Groep streeft ernaar om de inkomende en uitgaande kasstromen in vreemde valuta te compenseren. De wisselkoersschommelingen hebben vooral betrekking op onderzoeksuitgaven die gefactureerd worden in USD en GBP.

Sensitiviteitsanalyse op wisselkoersen

De Groep is voornamelijk blootgesteld aan schommelingen van het Britse pond (GBP) en de Amerikaanse dollar (USD) ten opzichte van de euro.

De tabel hieronder toont de sensitiviteit van een daling van 10% van de euro ten opzichte van de relevante vreemde munten. 10% is volgens het management een redelijke inschatting van een mogelijke schommeling in vreemde munten.

De sensitiviteitsanalyse omvat de impact van een daling van 10% van de euro ten opzichte van vreemde munten voor enerzijds de openstaande monetaire posten in vreemde valuta aan het einde van het jaar en anderzijds voor alle transacties in vreemde valuta (USD en GBP) over het hele jaar. Een positief (negatief ) bedrag betekent dat een daling van 10% van de euro ten opzichte van de relevante vreemde munten een verhoging (verlaging) van het resultaat zou meebrengen. Een stijging van 10% van de euro ten opzichte van de vreemde valuta (USD en GBP) zou een gelijke maar tegengestelde impact op het resultaat hebben.

Impact USD Impact GBP
2017 2016 2017 2016
Resultaat openstaande
balansposten (geldmiddelen
en kasequivalenten,
handelsvorderingen,
leveranciersschulden en
rekening-couranten)
1.437 125(*) 217 -64(*)
Netto-impact op eigen
vermogen en gecumuleerde
omrekeningsverschillen
29 23
Resultaat op alle transacties
over het jaar
-734 -2.475 -268 -268

(*) De cijfers uit het jaarverslag van 2016 werden aangepast met inachtneming van de impact op GBP geldmiddelen en een USD rekening-courant per 31 december 2016.

Volgens het management geeft de bovenstaande sensitiviteitsanalyse een getrouw beeld van het risico dat de Groep gedurende het jaar loopt met betrekking tot wisselkoersschommelingen.

(E) BEHEER VAN HET RENTERISICO

De Groep heeft momenteel geen externe schuldfinanciering lopen. Daarenboven heeft de Groep geen enkele financiële schuldverbintenis lopen met een variabele rentevoet. Bijgevolg is er momenteel binnen de Groep geen nood aan een specifiek beleid inzake het beheer van het renterisico.

(F) BEHEER VAN HET KREDIETRISICO

Kredietrisico betreft het risico dat een tegenpartij haar contractuele verplichtingen niet zou nakomen en waarbij de Groep een financieel verlies zou lijden. Het beleid van de Groep is erop gericht om enkel met kredietwaardige tegenpartijen te werken en, waar nodig, voldoende zekerheden te eisen. Informatie omtrent de kredietwaardigheid van tegenpartijen wordt aangeleverd door onafhankelijke ratingagentschappen en, indien deze niet beschikbaar is, gebruikt de Groep publiek beschikbare informatie alsook de eigen interne gegevens. Kredietrisico wordt beheerd door de individuele opvolging van de kredieten per tegenpartij door de financiële afdeling van de moedermaatschappij.

Gezien het beperkte aantal klanten van de Groep, is de Groep niet onderhevig aan belangrijke concentraties van kredietrisico. We verwijzen naar de tabel in toelichting 5.7.5.

Het kredietrisico op geldbeleggingen is beperkt, aangezien de tegenpartijen banken zijn met hoge kredietscores, toegekend door internationale ratingagentschappen.

(G) BEHEER VAN HET LIQUIDITEITSRISICO

De Groep beheert haar liquiditeitsrisico door voldoende reserves te voorzien en door continu de vooropgestelde en effectieve kasstromen na te gaan. Momenteel is de Groep niet onderhevig aan enig wezenlijk liquiditeitsrisico.

5.5.8. Vergoeding van het key management

Het key management-personeel bestond in 2017 uit:

  • ViBio BVBA, vertegenwoordigd door Patrik De Haes CEO
  • Paul Howes uitvoerend bestuurder

Het key management-personeel vormt het Executive Team zoals uiteengezet in het hoofdstuk over de vennootschap.

De vergoeding van het key management wordt hieronder weergegeven.

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Consultancy- en onkostenvergoedingen op korte
termijn
751 720
Aangeboden warranten en aandelen tijdens de periode
(in duizenden)
100 90
Consultancy-vergoedingen op lange termijn in geval van
verbreking van het contract
Minimale vergoeding 446 439
Maximale vergoeding 669 658

De consultancy- en onkostenvergoedingen op korte termijn zijn voor beide jaren aanzienlijk hoger dan de vergoedingen in geval van verbreking van het contract aangezien er niet-recurrente vergoedingen uitbetaald zijn.

Er werden geen leningen, quasi-leningen of andere waarborgen verleend aan de uitvoerende bestuurders.

5.6. Toelichtingen bij de geconsolideerde winst- en verliesrekening

5.6.1. Omzet

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Verkoop - VS 2.885 4.400
Verkoop - EU + rest van de wereld (2017:
winstoverdracht)
1.667 195
Regeling kostprijs verkochte goederen vorige jaren 3.245 0
Verkopen reagentia en referentiemateriaal 0 1
Totale verkopen 7.797 4.596
Royalty-inkomsten 1.258 2.508
Totale inkomsten 9.055 7.104

In 2017 werden geen vials geleverd aan Alcon/Novartis. Op 16 september 2017 sloot ThromboGenics een nieuwe overeenkomst inzake winstoverdracht met Alcon/Novartis. Dit resulteerde voor 2017 in een nettoverkoop van 1.667 k euro. Als uiteindelijke vergoeding voor de historische kostprijs van verkochte goederen werd van Alcon/Novartis een vergoeding van 3.245 k euro ontvangen.

Royalty-inkomsten

De royalty-inkomsten in 2017 omvatten de voornamelijk van Alcon/Novartis ontvangen royalty's. De vermindering in vergelijking met 2016 is te wijten aan de discussies met Alcon/ Novartis waarbij de rechten zijn teruggegeven en het verlies van royalty's gecompenseerd is door de winstoverdracht van Alcon/ Novartis als resultaat van de transitie-overeenkomst.

5.6.2. Kostprijs van de verkoop

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Licentierechten-verkopen -237 -347
Kostprijs vials -2.342 -6.533
Totale kostprijs van de verkoop -2.579 -6.880

De licentierechten-verkopen omvatten de royalty's die ThromboGenics verschuldigd is aan RCT en LSRP op basis van de verkoop van JETREA®.

In de kostprijs van de vials werd in 2017 een bedrag van 2.397 k euro opgenomen voor afschrijving van de voorraad. Voor meer informatie over de kostprijs van de vials verwijzen we naar toelichting 5.7.4.

5.6.3. Onderzoeks- en ontwikkelingskosten

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Personeelsvergoedingen -5.822 -5.760
O&O-activiteiten in onderaanneming -11.281 -8.349
Reagentia en materialen -650 -559
Octrooikosten -287 -383
Diverse dienstverleningen -1.883 -2.413
Overige -1.968 -1.153
Afschrijvingen -3.790 -7.596
Overheidssubsidies 823 -163
Opbrengsten uit de doorrekening van kosten 1.672 1.664
Totaal onderzoeks- en ontwikkelingskosten -23.186 -24.712

De O&O-activiteiten in onderaanneming namen toe van 8.349 k euro tot 11.281 k euro en hebben betrekking op uitbestede diensten om de projecten van ThromboGenics in preklinische en klinische fase te ontwikkelen. De toename is voornamelijk toe te schrijven aan de tegelijkertijd lopende klinische Circle- en THR-317-onderzoeken en de preklinische activiteiten met THR-687 en THR-149.

In 2017 namen de overige kosten toe tot 1.968 k euro, tegenover 1.153 k euro in 2016. Deze kosten hebben betrekking op infrastructuur, ICT, reiskosten, training en overige kosten voor de afdeling Onderzoek- en ontwikkeling.

Sinds de lancering van JETREA® (begin januari 2013) is ThromboGenics begonnen met het afschrijven van de kosten die verband houden met de ontwikkeling van ocriplasmine. De afschrijvingen zijn verminderd ten gevolge van in 2016 geboekte waardeverminderingen. We verwijzen hiervoor naar toelichting 5.7.2 voor meer informatie.

De overheidssubsidies bestaan uit subsidies ontvangen van het IWT. Aangezien twee programma's in 2017 werden afgerond, heeft ThromboGenics momenteel nog één contract lopen met IWT.

De opbrengsten uit de doorrekening van kosten hebben betrekking op de doorrekening van onderzoeks- en ontwikkelingskosten naar Alcon/Novartis, BioInvent en LSRP.

De overheidssubsidies en opbrengsten uit de doorrekening van kosten worden afgetrokken van de onderzoeks- en ontwikkelingskosten.

5.6.4. Algemene en administratieve kosten

Totaal algemene en administratieve kosten -6.226 -6.523
Afschrijvingen -13 -4
Overige -1.350 -1.576
Verzekering -295 -368
Diverse dienstverleningen -2.811 -2.666
Personeelsvergoedingen -1.757 -1.909
In '000 euro (per 31 december) 2017 2016

De consultants zijn experts die door ThromboGenics worden ingehuurd om ondersteuning te bieden op het gebied van ICT, management, audit, vergoedingen van de Raad van Bestuur, HR-diensten, enz.

5.6.5. Distributiekosten

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Personeelsvergoedingen -1.465 -1.533
Distributiekosten -734 -569
Diverse dienstverleningen -1.225 -1.273
Overige -796 -872
Afschrijvingen -27 -78
Totaal distributiekosten -4.247 -4.325

Distributiekosten ten bedrage van in totaal 4.247 k euro werden uitgegeven voor de wereldwijde commercialisering van JETREA®, 2.923 k euro houden verband met de commerciële activiteiten in de VS.

5.6.6. Overige bedrijfsopbrengsten

Totaal bedrijfsopbrengsten 50.449 1.088
Overige bedrijfsopbrengsten 50.449 1.088
In '000 euro (per 31 december) 2017 2016

In 2017 ontving ThromboGenics overige bedrijfsopbrengsten van 50,4 miljoen euro, 45,0 miljoen euro en 4,5 miljoen euro van Alcon/Novartis ter vergoeding van resp. de beëindiging van de overeenkomst voor de commercialisering van JETREA® buiten de VS en voor interventie in verouderde geneesmiddelengrondstoffen.

De overheidssubsidies en opbrengsten uit de doorrekening van kosten worden afgetrokken van de kosten voor onderzoek en ontwikkeling in het boekjaar 2013. Hiervoor verwijzen we naar toelichting 5.6.3.

5.6.7. Bijzondere waardeverminderingsverliezen

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 0 -26.586
Totale bijzondere waardeverminderingsverliezen 0 -26.586

De in 2016 geboekte bijzondere waardeverminderingsverliezen hebben betrekking op JETREA® sVMA/VMT. Voor meer details verwijzen we naar punt 5.7.2.1. Deze bijzondere waardeverminderingsverliezen zijn neutraal vanuit het oogpunt van de geldmiddelen.

5.6.8. Financiële opbrengsten

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Rente-inkomsten 53 184
Wisselkoersopbrengst (in USD en GBP) 339 345
Totaal financiële opbrengsten 392 529

5.6.9. Financiële kosten

Waardeverminderingen op kortlopende
financiële beleggingen
Overige
Wisselkoersverlies (in USD en GBP)
2
-11
-989
2
-6
-25
Bankkosten -31 -36
In '000 euro (per 31 december) 2017 2016

Ten gevolge van herwaarderingen van de USD bedroeg het nietgerealiseerde wisselkoersverlies in 2017 972 k euro, terwijl een wisselkoersverlies van 17 k euro werd gerealiseerd.

5.6.10. Personeelsvergoedingen

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Wedden, lonen en bonussen -8.473 -8.612
Op aandelen gebaseerde vergoedingslasten -176 -156
Pensioenkosten -395 -435
Totaal -9.044 -9.202

Het gemiddeld aantal voltijds equivalente werknemers (inclusief uitvoerende bestuurders) bedroeg:

In aantallen 2017 2016
Onderzoek en ontwikkeling 52 56
Algemeen en administratie 10 12
Distributie 9 9
Totaal 71 77

De op aandelen gebaseerde vergoedingslasten die werden opgenomen in de resultatenrekening worden hieronder weergegeven:

Totaal 176 156
Distributiekosten 34 31
Algemene en administratieve kosten 65 54
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten 77 71
In '000 euro (per 31 december) 2017 2016

De reële waarde van elke warrant wordt op basis van het Black/ Scholes-model gewaardeerd op de toekenningsdatum, rekening houdend met de volgende veronderstellingen:

WARRANTEN 2015 feb/15
Warrantplan 2014
Aantal toegekende warranten 384.000
Aandelenkoers datum van aanvaarding (in euro) 7,49
Uitoefenprijs 6,945
Verwacht dividendrendement -
Verwachte volatiliteit van de aandelenkoers 40%
Risicovrije rentevoet -0.,08%
Verwachte looptijd 3
Reële waarde 2.,2
Verwacht personeelsverloop (afhankelijk van afdeling) 0%-12%
WARRANTEN 2016 apr/16 apr/16
Warrantplan 2014 2014
Aantal toegekende warranten 60.000 90.000
Aandelenkoers datum van aanvaarding (in euro) 3,44 3,44
Uitoefenprijs 4.5 6,92
Verwacht dividendrendement - -
Verwachte volatiliteit van de aandelenkoers 40% 40%
Risicovrije rentevoet -0,38% -0,38%
Verwachte looptijd 3 3
Reële waarde 0,61 0,26
Verwacht personeelsverloop (afhankelijk van afdeling) 0%-12% 0%-12%
WARRANTEN 2017 feb-17 feb-17 aug-17 dec-17 dec-17
Warrantplan 2014 2014 2014 2017 2017
Aantal toegekende warranten 73.500 10.000 15.000 401.000 150.000
Aandelenkoers datum van
aanvaarding (in euro)
3,5 3,5 3,2 3,38 3,38
Uitoefenprijs 4,5 6,92 4,5 3,38 4,593
Verwacht dividendrendement - - - - -
Verwachte volatiliteit van de
aandelenkoers
40% 40% 40% 40% 40%
Risicovrije rentevoet -0,51% -0,51% -0,50% 0,55% 0,55%
Verwachte looptijd 3 3 3 10 10
Reële waarde 0,15 0,46 0,34 1,64 1,37
Verwacht personeelsverloop
(afhankelijk van afdeling)
0%-12% 0%-12% 0%-12% 0%-12% 0%-12%

De impact op de resultatenrekening heeft betrekking op de warranten toegekend in het vorige en lopende jaar die verworven zijn in 2017. In 2015 heeft ThromboGenics voor het eerst de waarde van de uitstaande warranten gecorrigeerd naar aanleiding van de toevoeging van een veronderstelling met betrekking tot het verwachte personeelsverloop.

Sinds juli 2006 wordt de slotkoers op de aandelenmarkt van Euronext Brussel gebruikt als referentie voor de aandelenkoers op datum van aanvaarding.

De geschatte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van gelijkaardige biotechbedrijven die actief zijn in dezelfde ziektedomeinen als de Groep, of die gelijkaardig zijn qua omvang of activiteit. Tot en met 2009 was de volatiliteit gebaseerd op het gemiddelde van alle Belgische biotechbedrijven. Sinds 2010 is de volatiliteit gebaseerd op de koers van het aandeel van ThromboGenics.

De verwachte looptijd wordt berekend als de geschatte looptijd tot uitoefening, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken van de plannen.

De gebruikte gewogen gemiddelde risicovrije rentevoeten zijn gebaseerd op de rentevoeten van de Belgische overheidsobligaties op de toekenningsdatum met een looptijd die gelijk is aan de verwachte levensduur van de warranten.

Het verwachte personeelsverloop geeft een schatting aan van het verwachte personeelsverloop gebaseerd op historische informatie.

De Groep heeft ook warranten toegekend aan partijen die geen werknemer zijn van de Groep. Aangezien de verleende diensten zo specifiek van aard zijn, dat de reële waarde niet op betrouwbare wijze kan worden bepaald, heeft ThromboGenics NV de reële waarde van de ontvangen diensten bepaald op basis van de toegekende warranten.

5.6.11. Operationele leases

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Leasingbetalingen opgenomen als een last (leasingnemer) -663 -745

Voor meer informatie over deze contracten verwijzen we naar toelichting 5.8.

5.6.12. Belastingen

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Belastingen -14 22
Totaal -14 22

Een reconciliatie waarin het verschil tussen de verwachte inkomstenbelasting van de Groep, ThromboGenics NV, Oncurious NV en ThromboGenics, Inc., en de effectieve belastingen wordt verklaard, ziet er als volgt uit:

Totaal betaalde belastingen 14 -22
Vermindering van te betalen belastingen door gebruik
overgedragen fiscale verliezen
-7,666 0 (*)
Verwachte belasting, berekend door toepassing van
het Belgische statutaire belastingtarief van 33.99% op
het fiscaal resultaat
7,666 0 (*)
Belastbaar resultaat 22,555 -59,723 (*)
Aftrek voor risicokapitaal -260 0 (*)
Verworpen uitgaven 200 625 (*)
Resultaat van het jaar 22,615 -60,348
In '000 euro (per 31 december) 2017 2016

(*) Details werden niet toegelicht in het jaarverslag van 2016 en worden ter vergelijking vermeld.

De Belgische inkomstenbelasting wordt berekend tegen 33,99 procent van de resultaten van het jaar. De belastingen voor andere rechtsgebieden worden berekend tegen de van kracht zijnde belastingtarieven in de betreffende rechtsgebieden.

Het belangrijkste verschil tussen de theoretische belasting en de effectieve belasting wordt verklaard door uitgestelde belastingvorderingen op fiscaal overdraagbare verliezen.

5.6.13. Resultaat per aandeel

Gewoon resultaat per aandeel

Het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen in de berekening van het gewone resultaat per aandeel op 31 december 2017 is gebaseerd op de aan de houders van gewone aandelen toe te rekenen winst/(verlies) van 22.615 k euro (2016: 60.348 k euro) en een gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen dat gedurende 2017 heeft uitgestaan van 36.094.349 (2016: 36.094.349), als volgt berekend:

2017 2016
Uitgegeven gewone aandelen op 1 januari 36.094.349 36.094.349
Effect van kapitaalverhoging door uitgifte van aandelen 0 0
Effect van uitgeoefende aandelenopties 0 0
Gemiddeld aantal gewone aandelen op 31 december 36.094.349 36.094.349
In '000 euro, behalve voor het resultaat per aandeel 2017 2016
Resultaat voor het boekjaar 22.615 -60.348
Verwaterd resultaat per aandeel 0,63 -1,67

Verwaterd resultaat per aandeel

Voor de berekening van het verwaterd resultaat per aandeel is het aantal gewone aandelen het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen plus het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen die zouden worden uitgegeven bij de omzetting van alle verwaterende potentiële gewone aandelen in gewone aandelen.

2017 2016
Uitgegeven gewone aandelen (verwaterd) op 1 januari 36.531.849 36.615.974
Effect van kapitaalverhoging door uitgifte van aandelen 0 0
Effect van uitgeoefende aandelenopties 66.777 -23.731
Gemiddeld aantal gewone aandelen (verwaterd)
op 31 december
36.598.626 36.592.243
In '000 euro, behalve voor het resultaat per aandeel 2017 2016
Resultaat voor het boekjaar 22.615 -60.348
Verwaterd resultaat per aandeel (*) 0,62 -1,67

(*) Aangezien er verlies was in 2016, is het verwaterde resultaat per aandeel hetzelfde als het gewone resultaat.

De Groep heeft warranten toegekend aan werknemers, consultants en bestuurders om gewone aandelen aan te kopen.

Zie toelichting 5.7.11 voor een overzicht van het aantal uitstaande warranten bij elk jaareinde.

5.7. Toelichtingen bij de geconsolideerde balans

5.7.1. Materiële vaste activa

In '000 euro Materiële vaste activa Meubilair en rollend
materiaal
Totaal
Op 1 januari 2016
Kosten 5.741 3.939 9.680
Gecumuleerde afschrijving -4.543 -3.088 -7.631
Wisselkoersverschillen 6 33 39
Nettoboekwaarde 1.204 884 2.088
Jaar afgesloten op 31 december 2016
Toevoegingen 506 56 562
Afschrijvingskosten -566 -315 -881
Buitengebruikstellingen -26 -5 -31
Wisselkoersverschillen 3 2 5
Nettoboekwaarde 1.121 622 1.743
Op 31 december 2016
Kosten 6.247 3.995 10.242
Gecumuleerde afschrijving -5.135 -3.408 -8.543
Wisselkoersverschillen 9 35 44
Nettoboekwaarde 1.121 622 1.743
Jaar afgesloten op 31 december 2017
Toevoegingen 125 172 297
Afschrijvingskosten -419 -255 -674
Buitengebruikstellingen -284 -39 -323
Wisselkoersverschillen -33 -19 -52
Nettoboekwaarde 510 481 991
Op 31 december 2017
Kosten 6.372 4.167 10.539
Gecumuleerde afschrijving -5.838 -3.702 -9.540
Wisselkoersverschillen -24 16 -8
Nettoboekwaarde 510 481 991

Op 31 december 2017 zijn er nog materiële vaste activa in gebruik die reeds volledig zijn afgeschreven met een aanschaffingswaarde van 5,3 miljoen euro. Er worden geen materiële vaste activa in onderpand gegeven, noch zijn er beperkt in gebruik.

5.7.2. Immateriële activa en goodwill

5.7.2.1 Immateriële activa

In '000 euro

Op 1 januari 2016
Kosten 75.844
Gecumuleerde afschrijving -20.145
Nettoboekwaarde 55.699

Jaar afgesloten op 31 december 2016

Toevoegingen 1.000
Verkoop 0
Afschrijvingskosten -6.797
Bijzondere waardeverminderingsverliezen -24.000
Nettoboekwaarde 25.902

Op 31 december 2016

Kosten 76.844
Gecumuleerde afschrijving -26.942
Gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen -24.000
Nettoboekwaarde 25.902

Jaar afgesloten op 31 december 2017

Toevoegingen 857
Verkoop 0
Afschrijvingskosten -3.156
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 0
Nettoboekwaarde 23.603

Op 31 december 2017

Kosten 77.701
Gecumuleerde afschrijving -30.098
Gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen -24.000
Nettoboekwaarde 23.603

De reële waarde van de activa op basis van de eigen-vermogenswaarde van de vennootschap volgens de slotkoers van Euronext voor het jaar 2017 vermenigvuldigd met het aantal gewone aandelen (36.094.349, zie toelichting 5.7.10) is minder dan de boekwaarde van de activa.

Recurrente verkopen voor JETREA® sVMA voor een bedrag van 5,8 miljoen euro in 2017 in vergelijking met 6,8 miljoen euro in 2016 werd beschouwd als een indicatie voor een onderzoek op bijzondere waardevermindering. Voor JETREA® sVMA gebeurde de analyse op basis van een DCF-model dat een prognose maakt van de kasstromen voor de komende zeven jaar (d.w.z. de looptijd van het octrooi voor JETREA®) op basis van de huidige marktomstandigheden en met een restwaarde van vijf jaar na 2024 (looptijd van het octrooi) en met een disconteringsvoet (WACC) van 14%. Op basis van het model dat beantwoordt aan IAS 36, resulteert het DCF model in een waarde dicht bij de boekwaarde. Met een disconteringsvoet van 15% toont het model een waardevermindering van 1,4 miljoen euro tegenover de boekwaarde, met een discontofactor van 13% een overschot van 1,5 miljoen euro. Door de huidige situatie van transitie, gelooft ThromboGenics dat de vergelijking van het DCF model en de boekwaarde gunstig zal evolueren, waardoor een bijzonder waardeverminderingsverlies niet geboekt moet worden.

Voor de intellectuele eigendom met betrekking tot Galapagos en VIB, door de onbepaalde levensduur en preklinische status, werd de boekwaarde getest tegenover zijn waarschijnlijk marktpotentieel. Er werd gebruikgemaakt van een DCF-model met toepassing van standaardkansen om de molecule op de markt te brengen en een disconteringsvoet (WACC) van 14%. Dit resulteerde niet in een indicatie van bijzondere waardevermindering.

5.7.2.2 Goodwill

In '000 euro
-------------- --
Op 1 januari 2016
Kosten 2.586
Gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen 0
Nettoboekwaarde 2.586

Jaar afgesloten op 31 december 2016

Toevoegingen 0
Verkoop 0
Bijzondere waardeverminderingsverliezen -2.586
Nettoboekwaarde 0

Op 31 december 2016

Kosten 2.586
Gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen -2.586
Nettoboekwaarde 0

Jaar afgesloten op 31 december 2017

Toevoegingen 0
Verkoop 0
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 0
Nettoboekwaarde 0

Op 31 december 2017

Kosten 2.586
Gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen -2.586
Nettoboekwaarde 0

Deze goodwill houdt verband met de historische acquisitie van eigendomsbelangen in Thromb-X NV door ThromboGenics Ltd in 2001.

De goodwill is opgenomen in het eerder vermelde onderzoek op bijzondere waardevermindering voor JETREA® (zie toelichting 5.7.2.1).

5.7.3. Overige vaste activa op lange termijn

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Overige vaste activa op lange termijn 126 202
Totaal 126 202

De overige vaste activa op lange termijn bestaan uit:

  • Huurwaarborg kantoren België (Bio-Incubator): 117 k euro
  • Waarborg aan Intelsius DGP (verpakking en transport): 11 k USD (9 k euro)

5.7.4. Voorraden

In '000 euro (voor het jaar afgesloten op
31 december)
2017 2016
Grond- en hulpstoffen, goederen in bewerking en
gereed product
2.204 2.504
Vooruitbetalingen 0 110
Totaal 2.204 2.614

De voorraad grond- en hulpstoffen, goederen in bewerking en gereed product wordt netto getoond, na aftrek van de bijzondere waardeverminderingsverliezen. Deze bijzondere waardeverminderingsverliezen op de voorraad, geboekt in kostprijs van goederen, bedragen 2.251 k euro.

5.7.5. Handels- en overige vorderingen, belastingkrediet op lange termijn en korte termijn

5.7.5.1 Handels- en overige vorderingen

Totaal 4.295 7.672
Vooruitbetaalde kosten en overige vlottende activa 439 1.093
Overige vorderingen 1.230 1.398
Handelsvorderingen 2.626 5.181
In '000 euro (per 31 december) 2017 2016

Handelsvorderingen worden afgeboekt op basis van een inschatting van niet-inbare bedragen, rekening houdend met de betalingshistoriek van de tegenpartij. Op 31 december 2017 zijn er geen materiële vervallen handelsvorderingen.

Onderstaande tabel toont de uitstaande saldi van de belangrijkste tegenpartijen op balansdatum:

Totaal 2.626 5.181
Overige handelsvorderingen 0 11
Accutome Inc. 18 0
Walgreens Specialty 48 67
Mc Kesson Specialty Distribution 92 161
Quintiles Outcome Sciences 356 0
Besse Medical 416 1,062
Accredo Health Group, Inc. 3 4
Alcon 1.608 3.876
BioInvent 85 0
In '000 euro (voor het jaar afgesloten op
31 december)
2017 2016

De vermindering van de vordering van Alcon/Novartis hangt samen met het wegwerken van alle hangende items door de terugkeer van de rechten op JETREA®.

Het management heeft voldoende vertrouwen in de kredietwaardigheid van de tegenpartijen en de bedragen worden als volledig inbaar beschouwd. De Groep heeft geen zekerheden verbonden aan deze vorderingen.

Bij het bepalen van de inbaarheid van een handelsvordering, houdt de Groep rekening met wijzigingen in de kwaliteit van de vordering tussen de datum waarop het krediet werd verleend en de rapporteringsdatum.

5.7.5.2 Belastingen

Belastingen op lange termijn

In '000 euro (voor het jaar afgesloten op
31 december)
2017 2016
Belastingkrediet 1.434 2.350
Totaal 1.434 2.350

Het belastingskrediet heeft betrekking op de verworven immateriële activa en werd in mindering gebracht van de immateriële activa, indien geactiveerd. Wanneer ThromboGenics dit belastingskrediet op lange termijn binnen de komende vijf jaar niet gebruikt, is dit terugvorderbaar van de overheid.

Belastingen op korte termijn

In '000 euro (voor het jaar afgesloten op
31 december)
2017 2016
Terug te vorderen BTW 340 363
Terug te vorderen roerende voorheffing 43 129
Overige belastingen 30 34
Belastingkrediet 1.641 559
Totaal 2.054 1.085

De uitstaande belastingvorderingen hebben betrekking op de terug te vorderen BTW, terug te vorderen roerende voorheffing op intresten, Amerikaanse vennootschapsbelasting en het belastingkrediet op korte termijn.

5.7.6. Beleggingen

2016
634 817
48.921 21.000
49.555 21.817
Financiële activa volgens categorieën gedefinieerd
Beschikbaar voor
verkoop
8.044
16
21.000
-7.241
-2
0
21.817
-
21.817
817
21.000
21.441
376
21.817
21.817
-29
27.921
-155
1
0
49.555
-
Opgenomen onder vlottend actief
49.555
Samenstelling
- Overige obligaties 634
- Termijnbeleggingen 48.921
Uitsplitsing per munt
- in EUR 41.392
- in overige valuta 8.163
Totaal 49.555

De Groep heeft beslist om vooral gebruik te maken van spaar- en termijnrekeningen om haar fondsen te beheren. Op 31 december 2017 was 41.000 k euro belegd in termijnrekeningen in EUR en 9.500 k euro in termijnrekeningen in USD.

De overige obligaties worden aangehouden door UBP (Union Bancaire Privée), voorheen Coutts Bank, en zijn verdeeld onder 13 obligaties van private en publieke instellingen.

5.7.7. Geldmiddelen, kasequivalenten en niet-beschikbare banktegoeden

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Geldmiddelen 56.175 58.251
Niet-beschikbare banktegoeden 10,000 0
Totaal geldmiddelen, kasequivalenten en aan niet
beschikbare banktegoeden
66.175 58.251

De niet-beschikbare banktegoeden ten bedrage van 10 miljoen euro hebben betrekking op de financiële middelen die op 22 december 2017 werden ontvangen van Novartis Pharma AG voor de kapitaalsverhoging die plaatsvond op 5 januari 2018.

5.7.8. Overige kortetermijnverplichtingen

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Personeelsvergoedingen 1.850 1.615
Overige kortlopende verplichtingen 11.932 4.221
Totaal overige kortetermijnverplichtingen 13.782 5.836

Onder personeelsvergoedingen werden vakantiegeld, bonussen en uitstaande personeelsbelastingen opgenomen.

De overige kortlopende verplichtingen bestaan uit een voorafbetaling van 10 miljoen euro die op 22 december 2017 werd ontvangen van Novartis Pharma AG voor de kapitaalsverhoging die plaatsvond op 5 januari 2018. Voorts bestaan ze uit overeenkomsten die reeds voor het jaareinde worden uitgevoerd, maar waarvoor de exacte kostprijs nog niet bekend is.

5.7.9. Uitgestelde belastingen

De volgende tijdelijke verschillen, die aanleiding zouden kunnen geven tot uitgestelde belastingen, hebben betrekking op:

In '000 euro (voor het jaar afgesloten op
31 december)
2017 2016
Netto fiscaal overgedragen verliezen 223.953 255.059(*)
Notionele intrestaftrek 12.102 17.874
Totaal aftrekbare tijdelijke verschillen 236.055 272.933(*)
Niet-erkende uitgestelde belastingvorderingen 73.338 85.889(*)

(*) De cijfers van het Jaarverslag van 2016 werden aangepast en de impact van de bijzondere waardevermindering per jaareinde 2016 werd inbegrepen.

Bovenstaande tabel omvat zowel de uitgestelde belastingen voor ThromboGenics NV, Oncurious NV als voor ThromboGenics, Inc.

Als de notionele intrestaftrek niet kan worden gebruikt, zal deze vervallen (uiterlijk in 2018).

De fiscaal overdraagbare verliezen kunnen worden gecompenseerd met toekomstige winsten van de Groep voor een onbepaalde periode.

De Groep is van oordeel dat er een aanzienlijke onzekerheid is omtrent het toekomstig gebruik van de fiscale verliezen van ThromboGenics NV, omdat op dit moment de impact van de octrooi-aftrek op het toekomstig belastbaar resultaat zeer moeilijk kan worden ingeschat. Aangezien de Groep op basis van een fiscale ruling van bovenvermelde octrooi-aftrek kan genieten, bestaat de verwachting dat de toekomstige fiscale winsten eerder beperkt zullen zijn. Daarnaast is er ook onzekerheid in verband met het toekomstige gebruik van de fiscale verliezen van ThromboGenics, Inc. en Oncurious NV, aangezien deze vennootschappen tot op heden nog geen belastbare basis hebben gehad.

Om bovenstaande redenen heeft de Groep op dit ogenblik nog geen uitgestelde belastingsvorderingen opgenomen inzake de fiscale verliezen.

5.7.10. Aandelenkapitaal

ThromboGenics NV werd opgericht op 30 mei 2006 met een kapitaal van 62.000 euro, vertegenwoordigd door 11.124 aandelen. Op 31 december 2013 bedroeg het kapitaal van het vennootschap 162.404.449,73 euro, vertegenwoordigd door 36.094.349 aandelen. Sinds 2013 waren er geen kapitaalsverhogingen.

Op 31 december 2017 bedroeg het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap dus 162.404.449,73 euro, vertegenwoordigd door 36.094.349 aandelen.

Op 31 december 2017 had ThromboGenics NV 36.094.349 gewone aandelen aan toonder zonder vermelding van nominale waarde. Alle aandelen zijn volledig volgestort en hebben alle dezelfde rechten.

De bevoegdheden van de Raad van Bestuur met betrekking tot het toegestane kapitaal werden hernieuwd op de buitengewone vergadering van aandeelhouders van 6 juni 2016 voor een periode van vijf jaar vanaf de publicatie van de akte van statutenwijziging in het Belgisch Staatsblad. De Raad van Bestuur is bevoegd om het geplaatste maatschappelijk kapitaal van de vennootschap in één of meerdere malen te verhogen tot een bedrag dat gelijk is aan de huidige waarde van het maatschappelijk kapitaal, namelijk 162.404.449,73 euro, in contanten of in natura of door omzetting van de reserves, overeenkomstig artikel 604 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen. De Raad van Bestuur kan ook overgaan tot de uitgifte van converteerbare obligaties of warranten tegen dezelfde voorwaarden.

Aantal aandelen
31 december 2015 36.094.349
- 0
31 december 2016 36.094.349
- 0
31 december 2017 36.094.349

Het maatschappelijk kapitaal en de rekening Uitgiftepremie zijn sinds 2013 niet veranderd, maar tijdens de buitengewone algemene vergadering van de aandeelhouders op 20 november 2017 werd een kapitaalsverhoging van 9,80 miljoen euro goedgekeurd, die uitsluitend gereserveerd is voor Novartis Pharma AG, met een bijbehorende uitgiftepremie van 0,2 miljoen euro. Deze geldmiddelen werden in ontvangst genomen op 22 december 2017 en de kapitaalsverhoging vond plaats op 5 januari 2018, waarbij 2.177.226 nieuwe aandelen werden verstrekt op 22 januari, zodat er in totaal 38.271.575 zijn en het kapitaal op 172.200.753,04 euro wordt gebracht.

In '000 euro Kapitaal Uitgiftepremie
31 december 2015 151.991 157.661
- 0 0
31 december 2016 151.991 157.661
- 0 0
31 december 2017 151.991 157.661

Het verschil tussen het maatschappelijk kapitaal, zoals hierboven aangegeven, en de rekening Kapitaal op de balans, bestaat uit de kosten met betrekking tot de verschillende kapitaaltransacties (voor een totaal van 10.413 k euro), die conform IAS 32.35 in mindering worden gebracht van de opbrengsten van deze kapitaaltransacties.

5.7.11. Overige reserves

In '000 euro
31 december 2015 -13.473
Op aandelen gebaseerde betaling 156
Reële-waardeaanpassing 0
31 december 2016 -13.317
Op aandelen gebaseerde betaling 176
Reële-waardeaanpassing 0
31 december 2017 -13.141

Op aandelen gebaseerde betalingsschema's

De Groep heeft verschillende groepen warranten gecreëerd die kunnen worden toegekend aan werknemers, bestuurders, consultants en onderzoeksinstellingen. Sinds de beursnotering worden warrantplannen gecreëerd op het niveau van ThromboGenics NV.

Eind 2017 waren er 2 uitstaande warrantplannen.

Samenvattend overzicht van alle uitstaande warranten die werden toegekend tussen 2010 en 31 december 2017:

Creatiedatum
van het plan
Toekennings
datum
Uitoefenprijs
(in euro)
Begunstigde
Warrantplan
België 2014
2015-2016-
2017
Tussen
4,5 en 6,95
Werknemers,
belangrijke
consultants en
bestuurders van
de Groep
Warrantplan
België 2017
2017 Tussen
3,38 en 4,593
Werknemers,
belangrijke
consultants en
bestuurders van
de Groep

Warrantplan België 2014

Op 4 december 2014 werd door de Buitengewone Algemene Vergadering van ThromboGenics NV beslist tot uitgifte van het warrantplan België 2014. Onder dit warrantplan kunnen maximaal 720.000 warranten worden uitgegeven en toegekend aan werknemers, bestuurders en consultants van de Groep. Elke warrant geeft de houder het recht om in te tekenen op één aandeel van ThromboGenics NV.

De toekenning van warranten onder dit plan behoort toe aan de Raad van Bestuur of het Remuneratiecomité, behalve voor bestuurders. Die bevoegdheid behoort tot de Algemene Vergadering. De warranten worden kosteloos of tegen betaling aangeboden. De uitoefenprijs is gelijk aan de laagste van (i) het gemiddelde van de slotkoersen van het aandeel op de beurs gedurende de 30 dagen voorafgaand aan het aanbod van een warrant of (ii) de slotkoers van de laatste beursdag die het aanbod voorafgaat. Warranten toegekend onder dit plan zijn vijf jaar geldig. De voorwaarden waaronder een warranthouder het recht heeft een warrant uit te oefenen, worden vastgesteld door het Remuneratiecomité.

Warrantplan ThromboGenics 2017

Op 20 november 2017 werd door de Buitengewone Algemene Vergadering van ThromboGenics NV beslist tot uitgifte van het warrantplan ThromboGenics 2017. Onder dit warrantplan kunnen maximaal 1.440.000 warranten worden uitgegeven en toegekend aan werknemers, bestuurders en consultants van de Groep. Elke warrant geeft de houder het recht om in te tekenen op één aandeel van ThromboGenics NV.

De toekenning van warranten onder dit plan behoort toe aan de Raad van Bestuur of het Remuneratiecomité, behalve voor bestuurders. Die bevoegdheid behoort tot de Algemene Vergadering. De warranten worden kosteloos of tegen betaling aangeboden. De uitoefenprijs is gelijk aan de laagste van (i) het gemiddelde van de slotkoersen van het aandeel op de beurs gedurende de 30 dagen voorafgaand aan het aanbod van een warrant of (ii) de slotkoers van de laatste beursdag die het aanbod voorafgaat. Warranten toegekend onder dit plan zijn tien jaar geldig. De voorwaarden waaronder een warranthouder het recht heeft een warrant uit te oefenen, worden vastgesteld door het Remuneratiecomité.

Bewegingen in het aantal uitstaande warranten en hun betreffende gewogen gemiddelde uitoefenprijs waren als volgt:

Gemiddelde
uitoefenprijs in euro
Warranten
Uitstaand op 31 december 2015 9,61 471.625
Toegekend 5,95 150.000
Verbeurd 20,24 -234.125
0
3,91 -189.125
3,87 650.500
6,60 387.500
0.00 0
0.00

Uitstaande verworven warranten (in duizenden) op 31 december 2017 hebben de volgende vroegste uitoefendata, vervaldata en uitoefenprijzen:

Vroegste uitoefendatum Vervaldatum Uitoefenprijs
(in euro)
Definitief
verworven
2018 2019 6,79 202,375

5.7.12. Pensioenverplichtingen

ThromboGenics biedt zijn personeel pensioenvoordelen aan die gefinancierd worden via een groepsverzekeringsplan dat beheerd wordt door een verzekeringsfonds. Tot 30 juni 2009 was de groepsverzekering gebaseerd op een toegezegd-pensioensysteem (defined benefit), waarbij de werkgever verplicht was tot het betalen aan zijn werknemer van een specifieke uitkering voor het leven vanaf zijn of haar pensioen. Het bedrag van de uitkering was van tevoren bekend en was meestal gebaseerd op factoren zoals leeftijd, inkomen en aantal dienstjaren. Toegezegdpensioenregelingen hebben geen bijdragebeperkingen maar zijn wel beperkt wat de maximale jaarlijkse pensioenuitkering betreft.

Op 1 juli 2009 werd de eerdere regeling gewijzigd in een zogenaamde vastebijdrageregeling (defined contribution), waarbij de werknemer een bedrag ontvangt dat gelijk is aan de betaalde bijdragen (sinds 1 juli 2009). Bij dit type regeling blijft de verplichting van de werkgever beperkt tot de betaling van de bijdrage zoals vermeld in de overeenkomst.

Met betrekking tot de toegezegd-pensioenregeling die eindigde op 30 juni 2009, blijven de opgebouwde activa en verplichtingen vanaf die datum van kracht en werden de voornaamste veronderstellingen van die regeling constant gehouden ten opzichte van de vorige jaren.

2017 2016
Disconteringsvoet 1,7% 1,7%
Verwacht loonstijgingspercentage 3,5% 3,5%

Op grond van een kosten-batenanalyse besliste ThromboGenics dat om de drie jaar actuariële berekeningen worden verricht.

Voor het jaar afgesloten op 31 december 2017 werd de actuariële berekening van 2016 niet geactualiseerd.

5.8. Overige toelichtingen bij de geconsolideerde balans

Dochterondernemingen en filialen

Naam van de
dochteronderneming
Plaats van oprichting
en exploitatie
Hoofdactiviteit
2017 2016
ThromboGenics, Inc. VS 100% 100% Distributeur
Oncurious NV BE 81,67% 91,67% Onderzoek
(oncologie)
Naam van het filiaal Plaats van oprichting
en exploitatie
Hoofdactiviteit
2017 2016
Irish Branch IE 100% 100% Geen huidige
activiteit

Op 12 december 2017 besliste ThromboGenics NV de lening met Oncurious NV om te zetten in kapitaal voor een totaal van 3,0 miljoen euro in ruil voor 3.000 aandelen. Aan het einde van het jaar 2017 zal ThromboGenics NV 4.376 aandelen of 81,67% bezitten van de in totaal 5.358 aandelen van Oncurious NV.

Significante overeenkomsten, verbintenissen en voorwaardelijke verplichtingen

De Groep heeft een aantal belangrijke overeenkomsten gesloten met onafhankelijke partijen. Deze overeenkomsten omvatten in sommige gevallen een plan voor kostendeling voor het project evenals de opsplitsing van eventuele opbrengsten tussen de partijen, om zo de commercialisering van het projectresultaat te kunnen bekostigen.

Hieronder worden enkele van de belangrijkste overeenkomsten van ThromboGenics toegelicht. Een overeenkomst wordt beschouwd als belangrijk als de verbintenissen oplopen tot meer dan 1 miljoen euro.

Onderzoeks- en ontwikkelingsovereenkomsten

BioInvent

In september 2004 zijn ThromboGenics en BioInvent International AB een overeenkomst aangegaan om samen onderzoek te voeren en geneesmiddelen te ontwikkelen op basis van antistoffen voor vaataandoeningen. In 2015 droeg ThromboGenics deze overeenkomst over aan de kort daarvoor opgerichte dochteronderneming Oncurious NV, in lijn met de ondernemingsstrategie om zich te richten op onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten op het gebied van oncologie. Op grond van deze contractuele overeenkomst ontwikkelen Oncurious NV en BioInvent momenteel samen één kandidaat-geneesmiddel, TB-403 (een PlGF-remmer), als mogelijke behandeling van medulloblastoom, de meest voorkomende kwaadaardige hersentumor in de pediatrie, die 20% uitmaakt van alle hersentumoren bij kinderen (het Medulloblastoomproject).

In juni 2017 onderschreven ThromboGenics NV (met inbegrip van diens dochteronderneming Oncurious NV) en BioInvent International AB een lijst van voorwaarden tot wijziging van hun langdurige samenwerking. Volgens de nieuwe contractuele regeling zullen de economische waarde van het project en de kosten ervoor als volgt worden verdeeld:

  • TB-403 BioInvent verhoogt zijn aandeel in de economische waarde van 40 naar 50% voor alle oncologische indicaties van TB-403. De partijen verdelen de kosten voor de ontwikkeling van TB-403 voor oncologische indicaties 50/50.
  • THR-317 ThromboGenics krijgt de volledige en exclusieve eigendom van THR-317 voor de ontwikkeling en commercialisering voor alle niet-oncologische indicaties. ThromboGenics blijft alle kosten dragen voor de ontwikkeling van THR-317 voor niet-oncologische indicaties, en deelt 5% van de economische waarde met BioInvent.

Naar verwachting worden de nieuwe overeenkomsten inzake TB-403 en THB-317 uitgevoerd in het eerste kwartaal van 2018.

Bicycle Therapeutics

Op 5 september 2013 tekenden ThromboGenics en Bicycle Therapeutics een overeenkomst om nieuwe producten te ontwikkelen voor de behandeling van oogziekten bij diabetici. ThromboGenics heeft de exclusieve rechten voor de klinische ontwikkeling en commercialisering, terwijl Bicycle Therapeutics recht heeft op mijlpaalbetalingen en royalty's op de verkoop.

Outcome Sciences

Outcome Scienses, een divisie van Quintiles, levert sinds 2014 klinische onderzoeksdiensten voor de ORBIT-studie voor JETREA®. De diensten worden gefactureerd op projectbasis via een bestek van de werkzaamheden (SOW, Statement of Works) op basis van een kaderovereenkomst.

Parexel

Parexel levert klinische onderzoeksdiensten voor de ontwikkeling van JETREA® als middel tegen diabetische retinopathie. De diensten worden gefactureerd op projectbasis via een bestek van de werkzaamheden (SOW). Hiervoor werd op 1 september 2015 een service-overeenkomst gesloten.

INC Research

INC Research levert klinische onderzoeksdiensten voor de ontwikkeling van THR-317 als middel tegen oogaandoeningen. De diensten worden gefactureerd op projectbasis via een bestek van de werkzaamheden (SOW). Hiervoor werd op 19 augustus 2016 een service-overeenkomst voor klinisch onderzoek en aanverwante diensten gesloten.

Galapagos

ThromboGenics ondertekende een wereldwijde en exclusieve licentieovereenkomst met Galapagos voor de ontwikkeling en commercialisering van integrine-antagonisten voor de behandeling van diabetische oogziekten.

Galapagos behoudt het recht op verdere mogelijke mijlpaalbetalingen voor een bedrag van maximaal 47,5 miljoen euro, die vooral afhankelijk zijn van het behalen van diverse ontwikkelingsen verkoopmijlpalen en mogelijke royalty-betalingen van maximaal 10% in de toekomst.

Intellectueel eigendom en royalty-overeenkomsten

Grifols, Inc.

In februari 2012 ondertekende ThromboGenics een licentieovereenkomst met Grifols. Deze overeenkomst versterkt in aanzienlijke mate de exclusieve wereldwijde rechten van ThromboGenics met betrekking tot het gebruik van plasmine en afgeleide producten voor de behandeling van oogziekten. In het kader van deze overeenkomst betaalde ThromboGenics in totaal 13 miljoen USD. ThromboGenics heeft een royalty-verplichting van 2% op de verkoop van ocriplasmine, maar van de eerder betaalde 13 miljoen USD kunnen de eerste 10 miljoen USD van deze royalty-verplichting in mindering worden gebracht.

Life Sciences Research Partners VZW

Op grond van een overeenkomst tussen het voormalige Thromb-X NV en het voormalige DCRF VZW van 1 juni 2001 en gewijzigd op 27 maart 2012, is ThromboGenics NV verplicht om royalty's te betalen op de verkoop van JETREA®.

Research Corporation Technologies, Inc. (RCT)

In december 2000 gingen Research Corporation Technologies, Inc. en ThromboGenics een licentieovereenkomst aan waarbij ThromboGenics een licentie verkreeg op de Pichiagistexpressietechnologie voor een vroege stap in het productieproces van ocriplasmine. ThromboGenics heeft een contractuele royalty-verplichting aan RCT van 2% op de nettoverkoop van JETREA®.

Commerciële overeenkomsten

Fujifilm Diosynth Biotechnologies UK, Limited

In september 2010 tekende ThromboGenics een langetermijnovereenkomst met Fujifilm voor de productie en levering van de werkzame stof in JETREA® (ocriplasmine) voor commerciële doeleinden en klinische studies. Fujifilm levert sinds 2007 ocriplasmine aan ThromboGenics en in 2015 werd de productieen leveringsovereenkomst aangepast met een 'Side Letter' overeenkomst, waarin een aantal contractuele bepalingen werden verduidelijkt.

Patheon

Patheon is de eindleverancier van het commerciële product JETREA® onder een aantal productie- en leveringsovereenkomsten. Patheon produceert en levert het commerciële product JETREA® in glazen vials voor zowel ThromboGenics als Alcon. Voor de Amerikaanse markt staat Patheon ook in voor de etikettering, verpakking en voorbereiding voor bevroren verzending. In december 2015 beëindigde Patheon de productieen leveringsovereenkomst met ingang van 31 december 2017. Op 18 oktober 2016 sloten de vennootschap en Patheon een nieuwe productie- en leveringsovereenkomst op grond waarvan Patheon het commerciële product JETREA® zal blijven produceren.

Licentie-, ontwikkelings- en commerciële overeenkomsten

Alcon / Novartis

In maart 2012 sloot ThromboGenics een strategische licentieovereenkomst ter waarde van 375 miljoen euro met Alcon, een wereldwijd toonaangevende onderneming in de oogzorg. Op grond van de overeenkomst had Alcon het recht en de plicht JETREA® buiten de VS te registreren, ontwikkelen en commercialiseren. Bij de afsluiting van de licentieovereenkomst ontving ThromboGenics een voorafbetaling van 75 miljoen euro. Toen het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) de eerste goedkeuring verleende voor JETREA® en het geneesmiddel voor het eerst werd verkocht in het eerste land van de EU-6, ontving de vennootschap verdere mijlpaalbetalingen van Alcon voor in totaal 90 miljoen euro.

Sinds januari 2015 was de vennootschap betrokken bij een geschil met Alcon betreffende de op grond van de licentieovereenkomst door Alcon te betalen kosten voor het geneesmiddel JETREA®. Op 15 september 2017 sloten de partijen een contractuele overeenkomst waarin dit geschil werd beslecht: de licentieovereenkomst werd beëindigd en ThromboGenics verwierf opnieuw de volledige wereldwijde rechten op JETREA®. Volgens de bepalingen van deze regeling zullen Alcon/Novartis nauw samenwerken met ThromboGenics om toe te zien op de continuïteit en ervoor te zorgen dat bestaande en toekomstige klanten toegang krijgen tot JETREA® gedurende een overgangsperiode van maximaal twee jaar. Daarnaast ontving ThromboGenics een contant bedrag van 53,7 miljoen euro en investeerde Novartis Pharma AG 10 miljoen euro in het eigen vermogen van ThromboGenics.

Academische overeenkomsten

De vennootschap heeft overeenkomsten gesloten met verschillende academische instellingen die geïnteresseerd zijn in de studie van de kandidaat-geneesmiddelen, met inbegrip van:

Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB)

De vennootschap heeft overeenkomsten gesloten met het Vesalius Onderzoekscentrum (het vroegere Centrum voor Transgene Technologie en Gentherapie), een afdeling van het VIB, op basis van de preklinische onderzoeksresultaten van twee van de programma's die in licentie zijn van dit instituut, namelijk anti-PlGF en PlGF.

In september 2017 sloten Oncurious NV, een dochteronderneming van ThromboGenics NV, en VIB een onderzoeks- en licentieovereenkomst op grond waarvan Oncurious exclusieve licenties verwierf op een portfolio van vijf unieke immuno-oncologische middelen van de nieuwe generatie, die voortvloeien uit de baanbrekende werkzaamheden die werden verricht in het labo van Massimilano Mazzone (VIB-KULeuven) en van Jo Van Ginderachter (VIB-VUB). Als onderdeel van deze contractuele regeling verhoogde VIB zijn deelneming in Oncurious, waarbij ThromboGenics de meerderheidsaandeelhouder blijft. VIB krijgt ook royalty's op de toekomstige inkomsten van elk van deze projecten.

De Groep als leasingnemer in operationele leases

Op balansdatum had de Groep uitstaande verplichtingen voor toekomstige minimale leasebetalingen, die verschuldigd zijn als volgt:

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Minder dan één jaar 504 518
Meer dan één jaar maar minder dan 5 jaar 37 34
Totaal 541 552

Sinds januari 2009 zijn alle huidige onderzoekslaboratoria gevestigd in het gebouw Bio-Incubator, gelegen aan de Gaston Geenslaan 1 te 3001 Leuven. Met Bio-Incubator NV werd een operationele-leaseovereenkomst gesloten op 1 juli 2008. Op 1 oktober 2013 werd een nieuwe operationele leaseovereenkomst gesloten voor het gebruik van bijkomende kantoren (Bio-Incubator II). Tevens werd de oorspronkelijke overeenkomst (Bio-Incubator I) vervangen. Deze overeenkomsten gingen in op 13 augustus 2012 voor een periode van 3 jaar en houden een jaarlijkse verbintenis in van 616 k euro. Ze kunnen mits wederzijdse instemming verlengd worden tot een periode van maximaal 7 jaar. Vanaf het vierde jaar wordt de overeenkomst stilzwijgend verlengd voor telkens een periode van één jaar.

ThromboGenics NV Irish Branch is momenteel gevestigd in Dublin (Ierland) en heeft een operationele-leaseovereenkomst voor een gebouw die inging op 15 september 2014. Deze leaseovereenkomst is hernieuwd en kan beëindigd worden mits een opzegtermijn van drie maanden.

ThromboGenics, Inc. heeft een nieuwe operationele-leaseovereenkomst gesloten voor een gebouw, die een verbintenis inhoudt van 121 k USD (ongeveer 111 k euro) voor één jaar.

Overige verbintenissen

Onderzoeks- en ontwikkelingsverbintenissen

Op 31 december 2017 had de Groep verbintenissen uitstaan in het kader van onderzoeks- en ontwikkelingsovereenkomsten ten belope van 8.764 k euro (2016: 12.200 k euro), betaalbaar in de loop van de volgende 12 maanden aan verschillende onderzoekspartners.

Voorwaardelijke verplichting

De kosten die gemaakt werden in het kader van verschillende onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma's van de Groep werden gedeeltelijk terugbetaald door het IWT in de vorm van een overheidssubsidie. In contracten met het IWT zit over het algemeen een clausule vervat die de behoefte bepaalt om de projectresultaten te valideren, alvorens de subsidie effectief wordt toegekend. Als deze validatie niet plaatsvindt, heeft het IWT het recht om de voorheen toegekende fondsen terug te vorderen. De ThromboGenics NV Groep is van mening dat de kans dat dit gebeurt gering is. Het totale bedrag dat in 2017 ontvangen werd als overheidssubsidie van het IWT bedraagt 271 k euro (2016: 124 k euro).

ThromboGenics NV heeft een leningsfaciliteit aan Oncurious toegekend voor een totaalbedrag van 3.000 k euro om TB-403 verder te ontwikkelen en te commercialiseren. Op 12 december 2017 werd de lening aan Oncurious NV als een bijdrage in natura opgenomen in het kapitaal van Oncurious NV, waardoor het aandeel in Oncurious NV steeg van 91,7% naar 97,2%. Een volgende inbreng in natura van immuno-oncologie aandelen van VIB bracht het aandeel van ThromboGenics in Oncurious terug naar 81,7%.

Verbonden partijen

Behalve het key management-personeel (zie toelichting 4.6) zijn er geen andere verbonden partijen bekend.

Gebeurtenissen na afsluiting boekjaar

In january 2018 investeerde Novartis Pharma AG 10 miljoen euro in het kapitaal van de Vennootschap. Voor meer informatie zie toelichting 3.6.1.

Gedaan op 15 maart 2018, Namens de Raad van Bestuur

6. VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING VAN DE VENNOOTSCHAP OVER HET BOEKJAAR AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 2017

In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van ThromboGenics NV (de "vennootschap") en haar filialen (samen "de Groep"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de controle van de geconsolideerde jaarrekening alsook het verslag betreffende de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Deze verslagen zijn één en ondeelbaar.

Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 3 mei 2016, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan, uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2018. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van de vennootschap ThromboGenics NV uitgevoerd gedurende acht opeenvolgende boekjaren.

Verslag over de controle van de geconsolideerde jaarrekening

Oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep, die het geconsolideerd overzicht van de financiële positie op 31 december 2017 omvat, alsook het geconsolideerd overzicht van winst of verlies en nietgerealiseerde resultaten , het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum en de toelichting, met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing, waarvan het totaal van het geconsolideerd overzicht van de financiële positie 150.437 (000) EUR bedraagt en waarvan het geconsolideerd overzicht van winst of verlies en niet-gerealiseerde resultaten afsluit met een winst van het boekjaar van 22.615 (000) EUR.

Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de Groep op 31 december 2017 alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.

Basis voor het oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.

Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Kernpunten van de controle

Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.

• Impact van overeenkomst met Alcon/Novartis

Bespreking van het kernpunt

Toelichtingen 3.6.2, 5.6.1 en 5.6.6.van de geconsolideerde jaarrekening beschrijven dat ten gevolge van een gedurende het boekjaar bereikte overeenkomst met Alcon/Novartis, deze laatste een vergoeding van 53.7 miljoen EUR betaald heeft en bovendien een kapitaalinvestering van 10 miljoen EUR heeft gedaan in het begin van 2018, ter compensatie voor de terugname door Thrombogenics van de globale rechten op haar product JETREA (ocriplasmine).

Deze transactie was significant voor onze auditwerkzaamheden omwille van de belangrijke financiële impact op de geconsolideerde jaarrekening.

Uitgevoerde werkzaamheden

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder andere:

  • Wij hebben het contract in detail geanalyseerd, bijgestaan door specialisten in IFRS van ons kantoor, om de impact van alle aspecten op de geconsolideerde jaarrekening en haar toelichting te kunnen beoordelen.
  • Wij hebben de boekhoudkundige verwerking zoals voorgesteld door het management nagekeken, en in het bijzonder de opbrengsterkenning in het licht van de toegepaste waarderingsregels.
  • We hebben de gepastheid van de toelichtingen 5.6.1 en 5.6.6 van de geconsolideerde jaarrekening beoordeeld.
  • Onderzoek naar bijzondere waardevermindering van activa

Bespreking van het kernpunt

De immateriële vaste activa bevatten geactiveerde ontwikkelingskosten voor JETREA® sVMA/VMT. Dit actiefbestanddeel wordt afgeschreven over zijn geschatte economische levensduur en er werd in 2016 een bijzondere waardevermindering geboekt. Op basis van vastgestelde indicatoren aan het eind van huidig boekjaar en zoals beschreven in toelichting 5.7.2.1., heeft de vennootschap dit actiefbestanddeel getest voor mogelijke bijkomende bijzondere waardeverminderingen, in overeenstemming met de bepalingen van IAS 36. Uit deze oefening bleek dat de boekwaarde niet materieel afwijkt van de geschatte realisatiewaarde, zodat geen bijkomende bijzondere waardevermindering geboekt werd.

De waardering van deze immateriële vaste activa is significant voor onze controle omdat de mogelijke impact materieel kan zijn en het onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen belangrijke inschattingen bevat die sterk beïnvloed worden door assumpties.

Uitgevoerde werkzaamheden

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder andere:

  • We hebben het model zoals gebruikt door de vennootschap bij het onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen, met inbegrip van de significante onderliggende assumpties zoals beschreven in toelichting 5.7.2.1, onderzocht, nagekeken en beoordeeld of een adequate waarderingsmethodologie werd toegepast.
  • We hebben beoordeeld of de kasstroom genererende eenheid correct werd gedefinieerd in overeenstemming met IFRS.
  • We hebben de methodologie en de toegepaste discontofactor zoals toegepast in het model beoordeeld in overleg met waarderingsspecialisten uit ons kantoor.
  • We hebben de sensitiviteitsanalyse zoals voorbereid door de vennootschap nagekeken om een begrip te vormen van het effect van veranderende assumpties.
  • We hebben alle beschikbare informatie zoals bezorgd aan ons door de Vennootschap overwogen om eventuele andere indicaties voor een onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen te identificeren.
  • We hebben de volledigheid en toereikendheid van de toelichting 5.7.2.1. van de geconsolideerde jaarrekening nagekeken.

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor het implementeren van de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.

Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan voor de geconsolideerde jaarrekening

Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de Groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.

Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening

Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.

Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:

  • het identificeren en inschatten van de risico's dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico's inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
  • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar

die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep;

  • het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door het bestuursorgaan gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen ;
  • het concluderen dat de door het bestuursorgaan gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de Groep zijn continuïteit niet langer kan handhaven;
  • het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld;
  • het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de Groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.

Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.

Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.

Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.

Verslag betreffende de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen

Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening.

Verantwoordelijkheden van de commissaris

In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm (Herzien in 2018) bij de in België van toepassing zijnde internationale auditstandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.

Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening

Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 119 van het Wetboek van vennootschappen.

In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen in de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening, zijnde:

  • Hoofdstuk 3.1 Kerncijfers
  • Hoofdstuk 3.2 Activiteiten van ThromboGenics

  • Hoofdstuk 3.3 Bespreking van de geconsolideerde jaarrekening

  • Hoofdstuk 3.5 Beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de risico's van de vennootschap

een afwijking van materieel belang bevatten, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, hebben wij geen afwijking van materieel belang te melden.

Wij formuleren geen enkele mate van zekerheid omtrent het jaarrapport.

Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid

  • Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening, en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep.
  • De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle bedoeld in artikel 134 van het Wetboek van vennootschappen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.

Andere vermeldingen

• Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.

Zaventem, 30 maart 2018

BDO Bedrijfsrevisoren Burg. Ven. CVBA Commissaris Vertegenwoordigd door Gert Claes

7. VERKORTE STATUTAIRE JAARREKENING

De jaarrekening van ThromboGenics NV is hierna in verkorte vorm opgenomen.

Het Jaarverslag, de jaarrekening en het verslag van de commissaris van ThromboGenics NV worden, conform art. 98 en art. 100 van het Wetboek van Vennootschappen, neergelegd bij de Nationale Bank van België. Op verzoek kan daar een afschrift van deze documenten worden bekomen.

De integrale versie van de statutaire jaarrekening en de bijhorende verslagen is kosteloos verkrijgbaar voor het publiek op aanvraag bij:

ThromboGenics NV Ter attentie van Dominique VANFLETEREN Gaston Geenslaan 1 B-3001 Leuven België Tel.: +32 16 75 13 17 Fax: +32 16 75 13 11 e-mail: [email protected]

Er is ook een elektronische versie van de integrale statutaire jaarrekening evenals de bijhorende verslagen verkrijgbaar via het internet, op de website van ThromboGenics (www. thrombogenics.com). De statutaire jaarrekening zoals neergelegd bij de Nationale Bank van België is opgesteld conform de Belgische boekhoudwetgeving. De commissaris zal een verslag zonder voorbehoud afleveren.

7.1. Verkorte balans van ThromboGenics NV

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
ACTIVA
Vaste activa 30.182 31.448
Immateriële activa 24.005 27.161
Materiële vaste activa 913 1.416
Financiële vaste activa 5.263 2.871
Vlottende activa 123.896 92.263
Vorderingen op meer dan één jaar 4 4
Voorraden en bestellingen in uitvoering 2.268 2.358
Vorderingen op ten hoogste één jaar 3.202 8.673
Geldbeleggingen 52.449 23.229
Liquide middelen 62.402 54.426
Overlopende rekeningen 3.572 3.573
TOTAAL ACTIVA 154.078 123.711
PASSIVA 137.898 114.074
Eigen vermogen 162.404 162.404
Kapitaal 157.661 157.661
Uitgiftepremies -182.168 -205.991
Gecumuleerde winst (verlies) 16.180 9.637
Schulden 16.180 9.637
Schulden op ten hoogste één jaar 14.304 5.481
Overlopende rekeningen 1.876 4.156
TOTAAL VAN DE PASSIVA 154.078 123.711

7.2. Verkorte resultatenrekening van ThromboGenics NV

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Bedrijfsopbrengsten en bedrijfskosten
Brutomarge 55.347 -1.961
Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen -7.607 -7.646
Afschrijvingen en waardeverminderingen op
oprichtingskosten, op immateriële en materiële vaste activa -20.759
-19.705
Waardeverminderingen op voorraden, op bestellingen
in uitvoering en op handelsvorderingen: toevoegingen
(terugnemingen)
-1.608 -4.123
Overige bedrijfskosten -648 -543
Niet-recurrente bedrijfskosten 0 -34.163
Bedrijfswinst (verlies) 24.725 -68.141
Financiële opbrengsten 251 880
Financiële kosten -1.152 -51
Winst (verlies) van het boekjaar vóór belasting 23.824 -67.312
Belastingen op het resultaat 0 -1
Winst (verlies) van het boekjaar 23.824 -67.313
Te bestemmen winst (verlies) van het boekjaar 23.824 -67.313

7.3. Winstverdeling van ThromboGenics NV

In '000 euro (per 31 december) 2017 2016
Te bestemmen winst (verlies) -182.167 -205.991
Te bestemmen winst (verlies) van het boekjaar 23.824 -67.313
Over te dragen winst (verlies) -205.991 -138.678
Over te dragen winst (verlies) -182.167 -205.991

7.4. Belangrijke waarderingsgrondslagen

IMMATERIËLE ACTIVA

Intern ontwikkelde immateriële activa

Onderzoekskosten worden opgenomen in de resultatenrekening naarmate ze worden opgelopen.

Een intern ontwikkeld immaterieel actief (zie toelichting 5.7.2) dat voortvloeit uit ontwikkelingsactiviteiten vanwege de Groep, wordt enkel opgenomen als alle volgende voorwaarden zijn vervuld:

  • Technische mogelijkheid om het immateriële actief gebruiksklaar te maken;
  • Intentie tot vervollediging van het immateriële actief en gebruik of verkoop ervan;
  • Mogelijkheid tot gebruik of verkoop van het immateriële actief;
  • Het immateriële actief zal waarschijnlijk toekomstige economische voordelen genereren, of het bestaan van een markt aantonen;
  • Beschikbaarheid van adequate technische, voldoende financiële middelen om de ontwikkeling te beëindigen;
  • Beschikbaarheid van betrouwbare vastlegging van de toegewezen uitgaven voor dit immaterieel actief tijdens de ontwikkeling.

De octrooikosten voor het beschermen van de immateriële activa worden opgenomen als kost.

Na hun initiële opname op de balans worden de immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. De afschrijving van geactiveerde ontwikkelingskosten wordt geboekt in de resultatenrekening onder Onderzoeks- en ontwikkelingskosten.

De geactiveerde kosten worden afgeschreven over de levensduur van het octrooi vanaf het ogenblik dat er inkomsten worden gegenereerd.

Wanneer er niet aan de criteria wordt voldaan om de ontwikkelingskosten te kunnen activeren, zullen deze kosten worden opgenomen tijdens de periode naarmate ze worden opgelopen.

ThromboGenics heeft sinds 2008 klinische studiekosten m.b.t. ocriplasmine geactiveerd omdat dit project zich in fase III bevond en de kans op toekomstige commercialisering hoog werd ingeschat. De immateriële activa bestaan uit externe studie- en productiekosten in onderaanneming en interne ontwikkelingskosten die betrekking hebben op alle projecten in fase III.

Aangekochte immateriële activa

Aangekochte softwarelicenties worden geactiveerd op basis van de kosten die gemaakt worden om de specifieke software aan te kopen en in werking te stellen. Deze kosten worden afgeschreven over de geschatte gebruiksduur van de betrokken activa, die normaal op drie jaar geschat wordt.

De verworven kennis in de vorm van licenties wordt opgenomen tegen kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Deze worden afgeschreven op een lineaire basis over hun geschatte gebruiksduur, die gelijk is aan de periode gedurende dewelke de Groep verwacht economische voordelen te halen uit deze licenties.

MATERIËLE VASTE ACTIVA

De materiële vaste activa worden opgenomen tegen historische kostprijs (alleen materiaalkosten), verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Latere kosten worden opgenomen in de boekwaarde van het actief of geboekt als een afzonderlijk actief, maar alleen wanneer het waarschijnlijk is dat toekomstige economische voordelen verbonden aan het actief naar de Groep zullen vloeien en wanneer de kostprijs van het actief op betrouwbare wijze kan worden bepaald. Alle overige herstellings- en onderhoudskosten worden opgenomen in de resultatenrekening op het ogenblik dat ze gemaakt worden. De kostprijs van buiten gebruik gestelde (naar aanleiding van een verkoop) of op een andere wijze afgestoten activa en de hieraan verbonden gecumuleerde afschrijving, wordt opgenomen in de resultatenrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij verkoop in het jaar waarin de verkoop plaatsvond. Winsten en verliezen op de verkoop van materiële vaste activa worden opgenomen in overige baten of lasten.

Afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode om de kostprijs van materiële vaste activa, in de mate dat deze de restwaarde overtreft, toe te wijzen over de verwachte gebruiksduur:

  • Machines, installaties en uitrusting: 3 tot 5 jaar
  • Meubilair en rollend materiaal: 3 tot 5 jaar

De afschrijvingsmethoden, gebruiksduur en restwaarde worden op elke rapporteringsdatum opnieuw geëvalueerd.

Kosten na eerste opname

De kostprijs van de vervanging van een deel van een materieel vast actief wordt in de boekwaarde van dat actief opgenomen indien het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen verbonden aan het actief naar de Groep zullen vloeien en wanneer de kostprijs van het actief op betrouwbare wijze kan worden bepaald. De boekwaarde van het vervangen onderdeel wordt niet langer in de balans opgenomen. De kosten van het dagelijkse onderhoud van materiële vaste activa worden opgenomen in de winst- en verliesrekening op het ogenblik dat ze worden gemaakt.

VOORRADEN

Grondstoffen, hulpstoffen en handelsgoederen worden gewaardeerd tegen de aanschaffingswaarde volgens de FIFO-methode of tegen de marktwaarde op balansdatum als die lager is.

Goederen in bewerking en gereed product worden gewaardeerd tegen een standaardvervaardigingsprijs volgens de FIFO-methode of tegen de marktwaarde op balansdatum als die lager is.

De marktwaarde is de waarde bij verkoop, bij het verlaten van de vennootschap onder normale en gebruikelijke verkoopvoorwaarden, rekening houdend met de gewoonlijk door de onderneming toegestane kortingen, ristorno's en rabatten, na aftrek van een bedrag dat overeenstemt met de normale rechtstreekse verkoopkosten.

De standaardvervaardigingsprijs van de goederen in bewerking en het gereed product omvat naast de aanschaffingsprijs van de grondstoffen, verbruiksgoederen en hulpstoffen ook de productiekosten die rechtstreeks aan het product toerekenbaar zijn, evenals het evenredige deel van de productiekosten die slechts onrechtstreeks aan het product toerekenbaar zijn, voor zover deze kosten betrekking hebben op de normale productieperiode.

Jaarlijks wordt de standaardvervaardigingsprijs vergeleken met de werkelijke vervaardigingsprijs. Het verschil resulteert in een aanpassing van de waarde van de voorraden.

HANDELSVORDERINGEN

Bij de initiële opname worden handelsvorderingen gewaardeerd tegen reële waarde, en vervolgens tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode. Voorzieningen voor verwachte, niet-invorderbare bedragen worden opgenomen in de resultatenrekening wanneer er objectieve bewijzen bestaan dat het actief in waarde is gedaald. De opgenomen voorziening wordt gewaardeerd als het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de huidige waarde van de verwachte toekomstige kasstromen die worden verdisconteerd tegen de effectieve rentevoet die berekend werd bij de eerste opname.

BELEGGINGEN

De beleggingen worden aangehouden als beschikbaar voor verkoop en jaarlijks op afsluitdatum gewaardeerd tegen marktwaarde. De reële-waardeaanpassing wordt opgenomen in de overige reserves totdat de beleggingen niet langer in de balans worden opgenomen of een bijzondere waardevermindering ondergaan. De bijzondere waardevermindering wordt opgenomen in de resultatenrekening.

GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten direct opvraagbare deposito's en andere zeer liquide beleggingen op korte termijn (met een looptijd van minder dan drie maanden) die snel omgezet kunnen worden in een bekend bedrag aan contanten en waarvoor een gering risico op waardeschommelingen bestaat.

FINANCIËLE VERPLICHTINGEN EN EIGEN VERMOGEN

Financiële verplichtingen en eigen-vermogeninstrumenten die worden uitgegeven door de Groep worden geclassificeerd op basis van de inhoud van de contractuele overeenkomsten die werden afgesloten en op basis van de definities van een financiële verplichting en een eigen-vermogensinstrument. Een eigenvermogensinstrument is elk contract dat duidt op een resterend belang in de activa van de Groep na aftrek van alle verplichtingen. De boekhoudkundige principes die zijn aangenomen voor specifieke financiële verplichtingen en eigen-vermogensinstrumenten worden hieronder beschreven.

HANDELSSCHULDEN

Handelsschulden worden in eerste instantie gewaardeerd tegen hun reële waarde, en vervolgens tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode.

8. VERKLARENDE WOORDENLIJST

AMD (Age-related Macular Degeneration) Leeftijdsgebonden maculadegeneratie; een degeneratieve aandoening van de macula (centraal
in de retina) en de meest voorkomende oorzaak van verlies van het gezichtsvermogen bij
mensen van 50 jaar en ouder. Meer dan 10 miljoen Amerikanen lijden eraan.
Klinische studie Een rigoureus gecontroleerde studie naar de werking van een kandidaat-geneesmiddel of een
nieuw, invasief medisch toestel bij mensen.
CEO Chief Executive Officer.
CFO Chief Financial Officer.
Contract Manufacturing Organization (CMO) Een bedrijf dat door de geneesmiddelenautoriteiten gemachtigd is om materiaal te
produceren voor toediening aan mensen.
Diabetische Retinopathie (DR) Een complicatie van suikerziekte of diabetes. Diabetes veroorzaakt een beschadiging van de
kleine bloedvaatjes in de retina of het netvlies, het lichtgevoelige weefsel achteraan het oog.
Diabetische retinopathie is de belangrijkste oorzaak voor blindheid bij de actieve bevolking.
EMA European Medicines Agency; het Europees Geneesmiddelenbureau.
FDA Food and Drug Administration; een Amerikaans agentschap dat verantwoordelijk is voor het
goedkeuringsproces voor geneesmiddelen in de Verenigde Staten.
Goede Laboratorium Praktijk/Good Laboratory Practice (GLP) Het doel van de GLP-kwaliteitsrichtlijnen is te zorgen voor een kwaliteitsvol product, waarbij
richtlijnen gegeven worden voor het onderzoek naar en de ontwikkeling van farmaceutische
producten, maar waarbij ook een codex geboden wordt voor een groot aantal van de
activiteiten, los van het kritieke pad van de ontwikkeling van een geneesmiddel.
Goede Productie Praktijk/Good Manufacturing Practice (GMP) GMP-normen zijn een deel van de garantie voor de farmaceutische kwaliteit van een
geneesmiddel. Ze garanderen dat geneesmiddelen op een consistente manier gefabriceerd
en gecontroleerd worden volgens kwaliteitsnormen die zijn aangepast aan het overwogen
gebruik en in overeenstemming met de bepalingen voor geneesmiddelen.
HR Human Resources.
IASB International Accounting Standards Board.
IBR Instituut van Bedrijfsrevisoren.
IFRIC International Financial Reporting Interpretations Committee.
IFRS International Financial Reporting Standards.
IP Intellectuele eigendom (Intellectual Property).
IWT Het Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie.
KULeuven Katholieke Universiteit Leuven.
MBA Master of Business Administration.
MIVI-TRUST Studiegroep Microplasmin for Intravitreal Injection – Traction Release without Surgical
Treatment.
OASIS Studie van ocriplasmine voor de behandeling van symptomatische vitreomaculaire adhesie
inclusief maculair gaatje.
Oftalmologie De tak van de geneeskunde die zich bezighoudt met de diagnose, preventie en behandeling
van aandoeningen van het oog.
ORBIT Ocriplasmin Research to Better Inform Treatment; ocriplasmine-onderzoek voor beter
geïnformeerde behandeling.
OZONE Ocriplasmin Ellipsoid Zone Retrospective Data Collection Study; een verzameling van
retrospectieve gegevens in verband met ocriplasmine in de ellipsoïde zone.
PDR Proliferatieve diabetische retinopathie.
PlGF Een specifiek eiwit in het lichaam dat een rol speelt bij het stimuleren van de vorming
van nieuwe bloedvaten. Hoewel het een homoloog is van VEGF, bindt PlGF zich alleen aan
VEGFR-1 (Flt-1) (in tegenstelling tot VEGF, dat zich bindt aan VEGFR-1 en VEGFR-2).
Plasmine Een stof of enzym die/dat fibrine verteert.
Plasminogeen Een inactief enzym dat circuleert in het bloed en dat kan worden gebruikt om plasmine te maken.
Plasminogeenactivator Een enzym dat plasminogeen omzet in plasmine.
Preklinische studie Een laboratoriumtest van een nieuw kandidaat-geneesmiddel of een nieuw invasief medisch
toestel op dieren of celculturen, die uitgevoerd wordt om bewijzen te verzamelen om een
klinische studie te rechtvaardigen.
PVD (Posterior Vitreous Detachment) Posterieure loslating van het glasachtig lichaam; het proces waarbij het vitreum of glasachtig
lichaam loskomt of -scheurt achteraan in het oog of loskomt van het netvlies.
O&O Onderzoek en ontwikkeling.
Retina Het netvlies; het lichtgevoelige weefsel dat aanwezig is op de binnenste achterwand van het
oog.
Netvliesloslating Het proces waarbij het netvlies loskomt van het achterliggende weefsel.
Stafylokinase Een eiwit afkomstig van de bacterie Stafylococccus Aureus dat, wanneer het toegediend
wordt aan patiënten, kan zorgen voor het oplossen van een bloedklonter door te binden aan
plasminogeen in aanwezigheid van een bloedklonter.
TB-403 Anti-PlGF (placentaire groeifactor).
Trombolytica Geneesmiddelen die bloedklonters, die de bloedstroom naar bepaalde weefsels blokkeren,
kunnen oplossen.
Trombose De vorming van een bloedklonter lokaal in een bloedvat.
tPA (Tissue Plasminogen Activator) Weefselplasminogeenactivator; een enzym dat aanwezig is in het menselijk lichaam en een rol
speelt bij het oplossen van bloedklonters.
µm Micron.
VA (Visual Acuity) Gezichtsscherpte.
Vasculaire Endotheliale Groei Factor (VEGF) Een specifiek eiwit in het lichaam dat een rol speelt bij het stimuleren van de vorming van
nieuwe bloedvaten. De belangrijkste receptoren die VEGF binden, zijn VEGFR-1 (Flt-1) en
VEGFR-2 (Flk-1).
VIB Vlaams Instituut voor Biotechnologie.
Glasvocht Een gelachtige substantie die het centrum van het oog opvult.
VMA Vitreomaculaire adhesie.
VMT Vitreomaculaire tractie.

Hoofdkantoor ThromboGenics NV Gaston Geenslaan 1 3001 Leuven België

T +32 16 75 13 10 F +32 16 75 13 11

Iers filiaal ThromboGenics NV Irish Branch Office 109A 12 Camden Row Dublin 8 Ierland

T +353 1 479 05 96

Amerikaanse dochteronderneming ThromboGenics, Inc. 101 Wood Avenue South, Suite 610 Iselin, NJ 08830 VS

T +1 732 590 29 00 F +1 866 945 98 08

Andere dochteronderneming Oncurious NV Gaston Geenslaan 1 3001 Leuven België