AGM Information • Apr 12, 2019
AGM Information
Open in ViewerOpens in native device viewer

Verslag van de commissaris over het voorstel van opheffing van het voorkeurrecht (art. 596 van het Wetboek van Vennootschappen) in Fagron NV
18 april 2019

In zijn zitting van 17 april 2019 heeft de raad van bestuur van Fagron NV (de "Vennootschap"), met maatschappelijke zetel gevestigd te Venecoweg 20A, 9810 Nazareth (België) en met ondernemingsnummer BE 0890.535.026, PwC Bedrijfsrevisoren cvba, in haar hoedanigheid als commissaris vertegenwoordigd door Peter Van den Eynde, bedrijfsrevisor, de opdracht gegeven om verslag uit te brengen over de voorgenomen opheffing van het voorkeurrecht bij de uitgifte van warrants, overeenkomstig art. 596 van het Wetboek van vennootschappen.
Artikel 596 van het Wetboek van vennootschappen stelt het volgende:
De algemene vergadering die moet beraadslagen en besluiten over de kapitaalverhoging, over de uitgifte van converteerbare obligaties of over de uitgifte van warrants, kan met inachtneming van de voorschriften inzake quorum en meerderheid vereist voor een statutenwijziging, in het belang van de vennootschap het voorkeurrecht beperken of opheffen. Het voorstel daartoe moet speciaal in de oproeping worden vermeld.
De raad van bestuur verantwoordt zijn voorstel in een omstandig verslag, dat inzonderheid betrekking heeft op de uitgifteprijs en op de financiële gevolgen van de verrichting voor de aandeelhouders. Er wordt een verslag opgesteld door de commissaris of, bij diens ontstentenis, door een bedrijfsrevisor aangewezen door de raad van bestuur, of door een extern accountant aangewezen op dezelfde manier, waarin deze verklaart dat de in het verslag van de raad van bestuur opgenomen financiële en boekhoudkundige gegevens getrouw zijn en voldoende om de algemene vergadering die over het voorstel moet stemmen, voor te lichten. Die verslagen worden neergelegd op de griffie van de rechtbank van koophandel overeenkomstig artikel 75. Zij worden in de agenda vermeld. Een afschrift ervan kan worden verkregen overeenkomstig artikel 535.
Het ontbreken van de verslagen bedoeld in dit artikel heeft de nietigheid van de beslissing van de algemene vergadering tot gevolg.
Het besluit van de algemene vergadering om het voorkeurrecht te beperken of op te heffen moet overeenkomstig artikel 75 op de griffie van de rechtbank van koophandel worden neergelegd.
Wij hebben onze werkzaamheden gesteund op de normen voor de beroepsuitoefening, uitgevaardigd door het Instituut van de Bedrijfsrevisoren (IBR), zoals van toepassing in de omstandigheden.
PwC Bedrijfsrevisoren cvba - PwC Reviseurs d'Entreprises scrl - Financial Assurance Services Maatschappelijke zetel/Siège social: Woluwe Garden, Woluwedal 18, B-1932 Sint-Stevens-Woluwe Vestigingseenheid/Unité d'établissement: Generaal Lemanstraat 55, B-2018 Antwerpen T: +32 (0)3 259 3011, F: +32 (0)3 259 3099, www.pwc.com BTW/TVA BE 0429.501.944 / RPR Brussel - RPM Bruxelles / ING BE43 3101 3811 9501 - BIC BBRUBEBB / BELFIUS BE92 0689 0408 8123 - BIC GKCC BEBB

De raad van bestuur heeft de uitgifteprijs als volgt verantwoord en een omschrijving van de financiële gevolgen van de uitgifte voor de bestaande aandeelhouders als volgt omschreven (in een bijzonder verslag, zie bijlage):
De Raad van Bestuur stelt voor om in het kader van het Warrantenplan 2019 een uitgifte te doen van een maximum van 300.000 warranten ten voordele van personeelsleden van de Vennootschap en van haar dochtervennootschappen en van huidige en toekomstige Consulenten van de Vennootschap en van haar dochtervennootschappen die in aanmerking komen als begunstigde van de warranten uitgegeven in het kader van het Warrantenplan 2019 waarbij elke warrant de houder ervan recht geeft op één aandeel van de Vennootschap.
Uitoefenprijs van de warranten: het laagste van (a) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Vennootschap gedurende 30 dagen die het aanbod voorafgaan en (b) de laatste slotkoers die voorafgaan aan de dag van het aanbod. De uitoefenprijs zal niet lager zijn dan de fractiewaarde van het aandeel op datum van uitgifte van de warranten.
Uitgifteprijs van de warranten: de warranten worden gratis aangeboden aan de begunstigden.
De voorgestelde uitgifte van de warrants houdt een kapitaalverhoging in onder opschortende voorwaarde. Immers, in de mate dat de warrants worden uitgeoefend, zal het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap worden verhoogd en zullen er nieuwe aandelen worden uitgegeven. Voor een beschrijving van de voorgestelde uitgifte- en uitoefenvoorwaarden van de warrants wordt verwezen naar het bijzonder verslag van de raad van bestuur overeenkomstig artikel 583 van het Wetboek van Vennootschappen.
Het bijzonder verslag van de raad van bestuur vermeldt de financiële gevolgen van de verrichting voor de aandeelhouders met betrekking tot de verwatering op het niveau van: 1) kapitaal van de vennootschap, dividend en stemrechten, 2) fractiewaarde en eigen vermogen, 3) financieel verwateringseffect.
Op datum van het bijzonder verslag van de raad van bestuur van de Vennootschap, zijnde 12 april 2019, bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap EUR 494.192.221,68 en dit is vertegenwoordigd door 71.843.904 aandelen, zonder vermelding van de nominale waarde, die elk 1/71.843.904de van het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigen.

Aangezien de uitoefenprijs van de warranten afhankelijk zal zijn van de beurskoers voor of op de datum van het aanbod aan de Begunstigden, kan de raad van bestuur op datum van hun bijzonder verslag geen exact overzicht geven van de financiële gevolgen van de eventuele uitoefening van de warranten overeenkomstig het Warrantenplan 2019 en de daaropvolgende uitgifte van nieuwe aandelen zonder nominale waarde. Derhalve werden een aantal simulaties gemaakt op basis van hypothetische uitoefenprijzen. Deze simulaties zijn terug te vinden in Bijlage 3 van het bijzonder verslag van de raad van bestuur en geven de impact weer van de uitoefening van deze warranten op het eigen vermogen van de Vennootschap aan de hand van enkele hypothetische uitoefenprijzen. Deze simulaties zijn bijgevolg zuiver illustratief en hypothetisch. Zoals opgenomen in het bijzonder verslag van de raad van bestuur zal de uitoefenprijs niet lager zijn dan de fractiewaarde van het aandeel op datum van uitgifte van de warranten.
De raad van bestuur geeft tevens aan dat het effectieve financiële verwateringeffect voor de bestaande aandeelhouders, op basis van de marktwaarde (marktprijs of beurskoers van de aandelen) thans nog niet gekend is. Dit is afhankelijk van uitoefenprijs van de warranten, de waarde (beurskoers) van het aandeel van de Vennootschap op het ogenblik van de uitoefening van de warranten, het aantal warranten dat zal worden uitgeoefend en het tijdstip waarop deze zullen worden uitgeoefend.
In de mate waarin de uitgifteprijs van de nieuwe aandelen, uitgegeven als gevolg van de uitoefening van warranten, lager is dan de marktprijs van de aandelen op het ogenblik van de uitgifte van de nieuwe aandelen zullen de bestaande aandeelhouders een financiële verwatering ondergaan omdat in dit geval de warranthouder inschrijft op nieuwe aandelen aan een lagere prijs dan de marktwaarde (of beurskoers) van de bestaande aandelen. Deze financiële verwatering wordt berekend door de uitoefenprijs in mindering te brengen van de marktprijs per aandeel op het ogenblik van de uitgifte van de nieuwe aandelen. Het resultaat wordt vervolgens in verhouding gebracht met de totale marktwaarde.
Op basis van de simulaties bedraagt de financiële verwatering voor de bestaande aandeelhouders 0,03% (bij uitoefening nieuwe warranten aan een hypothetische uitoefenprijs van EUR 16,21).
Tenslotte geeft de raad van bestuur aan dat de kost verbonden aan het aanbieden van de warranten wordt geschat op EUR 40.000 en dat verwacht wordt dat de boekhoudkundige kost in de geconsolideerde jaarrekening op basis van de simulaties tussen EUR 0,5 miljoen bij een uitoefenprijs van EUR 12 en EUR 1,0 miljoen bij een uitoefenprijs van EUR 20 zal liggen.
De boekhoudkundige kost zal worden bepaald in functie van de volgende parameters: (i) de slotkoers van het aandeel van de Vennootschap op datum van het aanbod; (ii) de uitoefenprijs van de warranten; (iii) de verwachte volatiliteit van het aandeel van de Vennootschap; (iv) de uitoefenperiode van de warranten (zijnde 5 jaar) en (v) de geldende interestvoet.
Verder wensen wij tevens de aandacht te vestigen op het feit dat de Vennootschap haar aandeelhouders attent maakt op het feit dat het wettelijk vereiste "nihil obstat" van de FSMA overeenkomstig art. 583 W.Venn. nog niet bekomen is op het ogenblik van publicatie van dit verslag. Dit bijzonder verslag wordt dan ook ter beschikking gesteld onder voorbehoud hiervan. Van zodra het "nihil obstat" bekomen is, zal de Vennootschap dit aan haar aandeelhouders melden, en desgevallend een aangepast bijzonder verslag publiceren.

In overeenstemming met de vereisten op grond van art. 596 van het Wetboek van Vennootschappen en rekening houdend met het in bijlage opgenomen bijzonder verslag opgesteld overeenkomstig artikel 583 van het Wetboek van vennootschappen, zijn wij van mening dat de in het bijzonder verslag van de raad van bestuur opgenomen financiële en boekhoudkundige gegevens getrouw en voldoende zijn om de algemene vergadering die over het voorstel moet stemmen, voor te lichten.
Verder wensen wij tevens de aandacht te vestigen op het feit dat de Vennootschap haar aandeelhouders attent maakt op het feit dat het wettelijk vereiste "nihil obstat" van de FSMA overeenkomstig art. 583 W.Venn. nog niet bekomen is op het ogenblik van publicatie van dit verslag. Dit bijzonder verslag wordt dan ook ter beschikking gesteld onder voorbehoud hiervan. Van zodra het "nihil obstat" bekomen is, zal de Vennootschap dit aan haar aandeelhouders melden, en desgevallend een aangepast bijzonder verslag publiceren.
Onderhavig verslag werd opgesteld voor het gebruik van de aandeelhouders van de Vennootschap in het kader van de opheffing van het voorkeurrecht zoals hierboven beschreven. Het kan derhalve voor geen enkel ander doel worden gebruikt.
Antwerpen, 18 april 2019
De commissaris PwC Bedrijfsrevisoren cvba Vertegenwoordigd door
Peter Van den Eynde Bedrijfsrevisor

(de Vennootschap)
In dit verslag wordt door de raad van bestuur van de Vennootschap (de Raad van Bestuur) overeenkomstig artikel 583 Wetboek van vennootschappen (W. Venn.) toelichting gegeven bij het voorstel van de Raad van Bestuur om warranten uit te geven in het kader van het Warrantenplan 2019 ten voordele van bepaalde personeelsleden van de Vennootschap en van haar dochtervennootschappen en eventueel ten voordele van toekomstige zelfstandige medewerkers (de Consulenten) van de Vennootschap en van haar dochtervennootschappen (de Begunstigden), waarbij elke warrant de houder ervan recht geeft op één aandeel van de Vennootschap.
Dit verslag is tevens opgesteld overeenkomstig artikel 596 W.Venn., als toelichting bij het voorstel van de Raad van Bestuur om in het kader van het Warrantenplan 2019 het voorkeurrecht van de bestaande aandeelhouders op te heffen.
Dit bijzonder verslag dient samen te worden gelezen met het bijzonder verslag overeenkomstig artikelen 596 W. Venn., opgesteld door de commissaris van de Vennootschap, PricewaterhouseCoopers Bedrijfsrevisoren CVBA, met maatschappelijke zetel te Woluwedal 18, 1932 Sint-Stevens-Woluwe, vertegenwoordigd door Peter Van den Eynde.
De Vennootschap maakt haar aandeelhouders attent op het feit dat het wettelijk vereiste "nihil obstat" van de FSMA overeenkomstig art. 583 W.Venn nog niet bekomen is op het ogenblik van publicatie van dit verslag. Het wordt dan ook ter beschikking gesteld onder voorbehoud hiervan. Van zodra het "nihil obstat" bekomen is, zal de Vennootschap dit aan haar aandeelhouders melden, en desgevallend een aangepast verslag publiceren.
Het door de Raad van Bestuur op voorstel van het Benoemings- en Remuneratiecomité genomen initiatief om het Warrantenplan 2019 te lanceren heeft tot doel om de Begunstigden van dit plan te motiveren om bij te dragen tot de groei van de Vennootschap en om hun loyaliteit ten aanzien van de Vennootschap te bevorderen.
De Raad van Bestuur is immers van oordeel dat het werk, het initiatief en de ondernemerszin van de Begunstigden een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de activiteiten en de resultaten van de Vennootschap, en zij wenst de Begunstigden daarom de kans te geven (bijkomende) aandelen van de Vennootschap te verwerven aan een vooraf bepaalde inschrijvingsprijs zodat zij financieel kunnen participeren in de toegevoegde waarde en de groei van de Vennootschap. De ervaring van de voorbije jaren heeft immers uitgewezen dat opties en warranten en deelname in het aandeelhouderschap door de medewerkers van de Vennootschap een belangrijk element van motivatie en betrokkenheid ten aanzien van het bedrijf uitmaken. Dergelijk plan heeft immers tot doel de inzet en motivatie op lange termijn te bevorderen zodat de inzet bijdraagt in het realiseren van de strategie en in het succes en de groei van de onderneming.
Als dusdanig kadert dit initiatief in de belangen van de Vennootschap en acht de Raad van Bestuur de opheffing van het voorkeurrecht van de bestaande aandeelhouders gerechtvaardigd.
De Raad van Bestuur stelt voor om in het kader van het Warrantenplan 2019 een uitgifte te doen van een maximum van 300.000 warranten ten voordele van personeelsleden van de Vennootschap en van haar dochtervennootschappen en eventueel toekomstige Consulenten van de Vennootschap en van haar dochtervennootschappen die in aanmerking komen als begunstigde van de warranten uitgegeven in het kader van het Warrantenplan 2019.
De Belgische Corporate Governance Code bevat een (niet-bindende) aanbeveling om systemen op basis waarvan de leden van het uitvoerend management worden vergoed in de vorm van aandelenopties vooraf te laten goedkeuren door de algemene vergadering. Daarom zal goedkeuring van het Warranteplan 2019, alsook de uitgifte van de warranten, worden voorgelegd aan de buitengewone algemene vergadering van de Vennootschap te houden op of rond 13 mei 2019.
De bepalingen en modaliteiten van de warranten zijn beschreven in het Warrantenplan 2019 dat aan de Begunstigden zal worden meegedeeld. Een kopie daarvan is aangehecht aan dit bijzonder verslag (Bijlage 1).
De voornaamste kenmerken van dit plan zijn als volgt:
De Raad van Bestuur stelt voor om het kapitaal te verhogen ten belope van een bedrag gelijk aan het product van (i) het aantal aandelen uitgegeven bij de uitoefening van de Warranten met (ii) de uitoefenprijs of, indien deze de fractiewaarde te boven gaat, de fractiewaarde van de bestaande gewone aandelen van de Vennootschap op het ogenblik van de uitoefening, onder de opschortende voorwaarde van de uitoefening van de warranten. Indien niet alle warranten worden uitgeoefend dan zal het kapitaal slechts verhoogd worden ten belope van het aantal warranten dat effectief wordt uitgeoefend. Bij uitoefening van de warranten zal de Raad van Bestuur (of twee leden van de Raad van Bestuur overeenkomstig Artikel 591 W.Venn.), de kapitaalverhoging voor notaris laten akteren.
De uitoefenperiodes voorzien in het Warrantenplan 2019 kunnen binnen het betrokken boekjaar door de Raad van Bestuur worden aangepast, onder meer in het licht van belangrijke financiële informatie of van een gewijzigde datum van dividenduitkering. De Raad van Bestuur kan beslissen om in bijkomende uitoefenperiodes te voorzien ten einde de Begunstigden toe te laten hun warranten uit te oefenen voor het verstrijken van de duur van de warranten.
De nieuw uitgegeven aandelen zullen identiek zijn aan en van dezelfde rechten genieten als de bestaande gewone aandelen van de Vennootschap. In geval van uitkering van een dividend, zullen zij recht geven op het dividend vanaf de eerste dag van het boekjaar waarin de warrant werd uitgeoefend. Er zal een aanvraag ingediend worden met het oog op de notering op Euronext van de aandelen die zullen uitgegeven worden naar aanleiding van de uitoefening van de warranten in het kader van het Warrantenplan 2019.
Het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap bedraagt op datum van dit verslag EUR 494.192.221,68 en wordt vertegenwoordigd door 71.843.904 aandelen, zonder nominale waarde, die elk 1/71.843.904ste van het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap vertegenwoordigen.
Daarnaast zijn er in het kader van meerdere warrantenplannen 2.020.000 nog uitstaande warranten die de houders recht geven op inschrijving op nieuwe aandelen. Van het Warrantenplan 2014 zijn nog 405.000 uitstaande en toegekende warranten met een uitoefenprijs van 39,37 euro. Gelet op de hoge uitoefenprijs in verhouding tot de huidige beurskoers van de Vennootschap wordt verder geen rekening gehouden met deze toegekende warranten, aangezien het onwaarschijnlijk geacht wordt dat deze in de huidige omstandigheden zouden uitgeoefend worden. De 390.000 warranten uitgegeven onder Warrantenplan 2016 hebben een uitoefenprijs van 7,38 euro. Van de 1.230.500 warranten uitgegeven onder Warrantenplan 2018 hebben 1.225.000 warranten een uitoefenprijs van 13,94 euro en hebben 5.500 warranten een uitoefenprijs van 16,31 euro. Hiermee wordt wel rekening gehouden in de simulaties opgenomen in Bijlage 2.
De uitoefenprijs van de warranten zal gelijk zijn aan het laagste van (a) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Vennootschap op de beurs gedurende 30 dagen die het aanbod voorafgaan of (b) de laatste slotkoers die voorafgaan aan de dag van het aanbod.
Aangezien de uitoefenprijs van de warranten afhankelijk zal zijn van de beurskoers voor of op de datum van het aanbod aan de Begunstigden, kan de Raad van Bestuur op datum van dit verslag geen gedetailleerd overzicht geven van de financiële gevolgen van de eventuele uitoefening van de warranten overeenkomstig het Warrantenplan 2019 en de daaropvolgende uitgifte van nieuwe aandelen zonder nominale waarde, voor een prijs die lager zou kunnen zijn de huidige fractiewaarde van de aandelen van de Vennootschap.
Derhalve werden een aantal simulaties gemaakt op basis van hypothetische uitoefenprijzen. Deze simulaties zijn terug te vinden in Bijlage 2 bij dit verslag en geven de impact weer van de uitoefening van deze warranten op het eigen vermogen van de Vennootschap aan de hand van enkele hypothetische uitoefenprijzen. De uitgifte van deze warranten heeft zal geen materiële impact hebben op het eigen vermogen van de Vennootschap.
De uitoefenprijs van de warranten zal worden bestemd op de rekening kapitaal tot beloop van het product van (i) het aantal aandelen uitgegeven bij de uitoefening van de Warranten met (ii) de uitoefenprijs (indien deze de fractiewaarde niet te boven gaat) en op de rekening uigiftepremie tot beloop van het product van (i) het aantal aandelen uitgegeven bij de uitoefening van de Warranten met (ii) de uitoefenprijs voor zover en in de mate dat deze de fractiewaarde te boven gaat, die op dezelfde wijze als het kapitaal de waarborg van derden zal uitmaken en waarover, behoudens de mogelijkheid tot omzetting in het kapitaal, slechts zal worden beschikt met inachtneming van de voorwaarden gesteld voor een kapitaalvermindering.
Het effectieve financiële verwateringeffect voor de bestaande aandeelhouders is thans nog niet gekend: dit is afhankelijk van de waarde van het aandeel van de Vennootschap op het ogenblik van de uitoefening van de warranten, het aantal warranten dat zal worden toegekend, aanvaard en uitgeoefend en het tijdstip waarop deze zullen worden uitgeoefend.
In de mate waarin de uitgifteprijs van de nieuwe aandelen uitgegeven als gevolg van de uitoefening van warranten onder Warrantenplan 2019, lager is dan de marktprijs van de aandelen op het ogenblik van de uitgifte zullen de bestaande aandeelhouders een financiële verwatering ondergaan omdat in dit geval de warranthouder inschrijft op nieuwe aandelen aan een lagere prijs dan de bestaande aandelen. Deze verwatering wordt berekend door de uitoefenprijs in mindering te brengen van de marktprijs per aandeel op het ogenblik van de uitgifte van de nieuwe aandelen. Het resultaat wordt vervolgens in verhouding gebracht met de oorspronkelijke marktprijs. De financiële verwatering bedraagt in dat geval:
1 – (marktprijs x aantal oude aandelen + uitgifteprijs x aantal nieuwe aandelen)
(aantal oude aandelen + aantal nieuwe aandelen) x marktprijs
Zoals uiteengezet in Bijlage 2 bij dit verslag, bedraagt de financiële verwatering voor de bestaande aandeelhouders 0,03% indien de uitoefenprijs van de warranten gelijk is aan de gemiddelde koers van de laatste 30 dagen op 11 april 2019.
Zoals uiteengezet in Bijlage 2 bij dit verslag, bedraagt de verwatering van de stemrechten voor de bestaande aandeelhouders 0,41 %, indien alle warranten onder Warrantenplan 2019 worden aangeboden, aanvaard en uitgeoefend. Aan de commissaris van de Vennootschap, PricewaterhouseCoopers Bedrijfsrevisoren CVBA, werd gevraagd om een verslag op te stellen overeenkomstig artikel 596 W.Venn..
De kosten verbonden aan het aanbieden van de warranten door de Vennootschap bedragen ongeveer 40.000 EUR en dienen voor:
Bij aanvaarding van de aangeboden warranten zal de Vennootschap een marktwaarde ("fair value") voor de warranten bepalen op basis van de gebruikelijke actuariële methodes hiervoor en deze marktwaarde zal boekhoudkundig in rekening worden gebracht gespreid over de periode van dienstverlening die van de warranthouders wordt verwacht ("vesting period") overeenkomstig het Warrantenplan 2019. Deze marktwaarde kan pas worden bepaald op datum van de aanvaarding van de warranten. Er wordt verwacht dat de totale boekhoudkundige kost die hiervoor in rekening zal worden gebracht in de geconsolideerde jaarrekeningen tussen 0,5 miljoen EUR (bij een uitoefenprijs van 12 EUR) en 1,0 miljoen EUR (bij een uitoefenprijs van 20 EUR) zal liggen. Ze zal worden bepaald in functie van de volgende parameters: (i) de slotkoers van het aandeel van de Vennootschap op datum van het aanbod; (ii) de uitoefenprijs van de warranten; (iii) de verwachte volatiliteit van het aandeel van de Vennootschap; (iv) de uitoefenperiode van de warranten (zijnde 5 jaar) en (v) de geldende interestvoet.

Opgemaakt te Nazareth op 17 april 2019.
Functie: Bestuurder Functie: Bestuurder
_____________________ ________________________
Naam: Karin de Jong Naam: Rafael Padilla
| Situatie op datum van verslag |
Uitoefening nieuwe warranten aan hypothetische uitgifteprijs (****) | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Hypothetische uitgifteprijs | 12.00 EUR | 16.00 EUR | 20.00 EUR | 16.21 EUR | |
| (*) | |||||
| Kapitaalverhoging | 3,600,000.00 | 4,800,000.00 | 6,000,000.00 | 4,864,227.27 | |
| Aantal bestaande aandelen | 71,843,904 | 71,843,904 | 71,843,904 | 71,843,904 | 71,843,904 |
| Aantal nog toe te kennen warranten uit Warrantenplan 2016, 2018 | 16,909 | 16,909 | 16,909 | 16,909 | 16,909 |
| Aantal nieuwe aandelen bij uitoefening van resterende warranten in Warrantenplan 2016 |
390,000 | 390,000 | 390,000 | 390,000 | 390,000 |
| Aantal nieuwe aandelen bij uitoefening van nieuwe warranten in Warrantenplan 2018 |
1,230,500 | 1,230,500 | 1,230,500 | 1,230,500 | 1,230,500 |
| Aantal nieuwe aandelen bij uitoefening van nieuwe warranten in Warrantenplan 2019 |
300,000 | 300,000 | 300,000 | 300,000 | 300,000 |
| Totaal aantal aandelen na uitoefening van alle nieuwe warranten uit Warrantenplan 2019 en de resterende warranten uit Warrantenplan 2016 en Warrantenplan 2018 |
73,781,313 | 73,781,313 | 73,781,313 | 73,781,313 | 73,781,313 |
| Maatschappelijk kapitaal bestaande aandelen 31/12/2018 | 494,192,221.68 | 494,192,221.68 | 494,192,221.68 | 494,192,221.68 | 494,192,221.68 |
| Maatschappelijk kapitaal na uitoefening aangeboden warranten |
507,519,065.08 | 507,519,065.08 | 507,519,065.08 | 507,519,065.08 | |
| Warrantenplan 2016, Warrantenplan 2018 en Warrantenplan 2019 | |||||
| Fractiewaarde | 6.88 | 6.88 | 6.88 | 6.88 | 6.88 |
| Maatschappelijk kapitaal bestaande aandelen | 494,192,221.68 | 494,192,221.68 | 494,192,221.68 | 494,192,221.68 | 494,192,221.68 |
| Verwatering door nieuw uitgegeven aandelen Warrantenplan 2019 (***) | 0.41% | 0.41% | 0.41% | 0.41% | |
| Verwatering door nieuw uitgegeven aandelen resterende warranten Warrantenplan 2016, Warrantenplan 2018 en Warrantenplan 2019 (***) |
2.63% | 2.63% | 2.63% | 2.63% | |
| Financieel verwateringseffect Warrantenplan 2019 bij beurskoers en 30- daagsgemiddelde op 11 april 2019 |
0.13% | 0.04% | 0.00% | 0.03% | |
| Financieel verwateringseffect resterende warranten Warrantenplan 2016, Warrantenplan 2018 en Warrantenplan 2019 bij beurskoers en 30- daagsgemiddelde op 11 april 2019 |
0.79% | 0.69% | 0.60% | 0.69% | |
| Statutaire eigen vermogen BE GAAP (**) | 503,177,911.04 | 527,012,189.04 | 528,279,825.04 | 529,547,461.04 | 528,347,672.38 |
| Statutaire eigen vermogen per aandeel | 7.00 | 7.14 | 7.16 | 7.18 | 7.16 |
| Geconsolideerd eigen vermogen (IFRS) | 209,715,916.84 | 233,550,194.84 | 234,817,830.84 | 236,085,466.84 | 234,885,678.18 |
| Geconsolideerd eigen vermogen (IFRS) per aandeel | 2.92 | 3.17 | 3.18 | 3.20 | 3.18 |
| (*) bij wijze van voorbeeld wordt de gemiddelde slotkoers van het aandeel van Fagron genomen van de 30 kalenderdagen voorafgaand aan 11 april 2019. | |||||
| (**) BEGAAP: waarderingsregels op basis van Belgische boekhoudwetgeving | |||||
| (***) Aangezien alle aandelen dezelfde dividendrechten en stemrechten hebben, is het verwateringseffect van het aantal aandelen hetzelfde als het verwateringseffect van |
het dividend recht en stemrecht.
(****) Hierbij is ervan uitgegaan dat de nog aan te bieden warranten van Warrantenplan 2016 en Warrantenplan 2018 voorafgaand aan de nieuwe warranten worden uitgeoefend, maar aan dezelfde hypothetische uitoefenprijs als Warrantenplan 2019. De reeds aangeboden warranten van Warrantenplan 2016 werden wel in rekening gebracht omdat de uitoefenprijs van deze warranten 7,38 EUR per aandeel bedraagt (390.000 warranten). De reeds aangeboden warranten van Warrantenplan 2018 werden eveneens in rekening gebracht omdat de uitoefenprijs van deze warranten enerzijds 13,94 EUR per aandeel bedraagt (1.225.000 warranten) en anderszijds 16,31 EUR per aandeel (5.500 warranten)
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.