Skip to main content

AI assistant

Sign in to chat with this filing

The assistant answers questions, extracts KPIs, and summarises risk factors directly from the filing text.

Crescent NV Annual Report 2025

Apr 30, 2026

3935_10-k_2026-04-30_111cea1a-f761-44e7-8121-aa95dd790ed3.xhtml

Annual Report

Open in viewer

Opens in your device viewer

1 OPTION NV Jaarverslag 2025

2 CONTENTS

  1. WOORD VAN DE VOORZITTER.................................................... 4
  2. VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR ..................................... 5
  3. FINANCIEEL VERSLAG – IFRS .................................................... 34
    3.1. GECONSOLIDEERDE JAARREKENING ....................................................... 34
    3.1.1. GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING ....................................................................................................... 34
    3.1.2. GECONSOLIDEERD TOTAALRESULTAAT................................................................................................................ 37
    3.1.3. GECONSOLIDEERDE BALANS ............................................................................................................................... 38
    3.1.4. GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT ...................................................................................................... 40
    3.1.5. GECONSOLIDEERDE STAAT VAN WIJZIGINGEN IN HET EIGEN VERMOGEN ....................................................... 42
    3.2. TOELICHTINGEN BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING VAN OPTION NV .............................................................................................................. 45
    TOELICHTING 1. BEDRIJFSINFORMATIE ............................................................................................................................... 45
    TOELICHTING 2. PRESENTATIEBASIS .................................................................................................................................... 45
    TOELICHTING 3. MATERIËLE BOEKHOUDPRINCIPES ............................................................................................................ 46
    TOELICHTING 4. OPERATIONELE SEGMENTEN EN TOELICHTING OVER DE ENTITEIT ALS GEHEEL ....................................... 62
    TOELICHTING 5. BIJKOMENDE INFORMATIE BETREFFENDE BEDRIJFSKOSTEN VOLGENS AARD......................................... 68
    TOELICHTING 6. PERSONEELSKOSTEN EN OVERIGE SOCIALE VOORDELEN ...................................................................... 69
    TOELICHTING 7. FINANCIËLE RESULTATEN .......................................................................................................................... 70
    TOELICHTING 8. BELASTINGEN EN UITGESTELDE BELASTINGEN .......................................................................................... 71
    TOELICHTING 9. GOODWILL ............................................................................................................................................... 73
    TOELICHTING 10. IMMATERIËLE VASTE ACTIVA .................................................................................................................. 77
    TOELICHTING 11. MATERIËLE VASTE ACTIVA....................................................................................................................... 79
    TOELICHTING 12. LEASING EN RECHT-OP-GEBRUIK ACTIVA .............................................................................................. 81
    TOELICHTING 13. OVERHEIDSSTEUN .................................................................................................................................... 83
    TOELICHTING 14. INVESTERINGEN IN GEASSOCIEERDE DEELNEMINGEN .......................................................................... 84
    TOELICHTING 15. ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP EN BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN ............................ 88
    TOELICHTING 16. HANDELS- EN OVERIGE VORDERINGEN ................................................................................................. 91
    TOELICHTING 17. VOORRADEN ........................................................................................................................................... 93
    TOELICHTING 18. GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN ................................................................................................. 93
    TOELICHTING 19. FINANCIËLE SCHULDEN ........................................................................................................................... 94
    TOELICHTING 20. VOORZIENINGEN .................................................................................................................................... 97
    TOELICHTING 21. HANDELS- EN OVERIGE SCHULDEN ...................................................................................................... 100
    TOELICHTING 22. EIGEN VERMOGEN ................................................................................................................................ 102
    TOELICHTING 23. VERLIES PER AANDEEL ........................................................................................................................... 104
    TOELICHTING 24. KAPITAALBEHEER ................................................................................................................................... 105
    TOELICHTING 25. BEHEER VAN FINANCIËLE RISICO’S ....................................................................................................... 106
    TOELICHTING 26. REËLE WAARDE ...................................................................................................................................... 108

3 TOELICHTING 27. ALTERNATIEVE PRESTATIEMAATSTAVEN ................................................................................................ 109
TOELICHTING 28. GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM ................................................................................................... 110
TOELICHTING 29. BELANGEN IN DOCHTERONDERNEMINGEN ......................................................................................... 111
TOELICHTING 30. INFORMATIE OVER DE OPDRACHTEN VAN DE REVISOREN EN HUN VERGOEDINGEN ........................ 114
TOELICHTING 31. ONZEKERHEDEN..................................................................................................................................... 114
TOELICHTING 32. TRANSACTIES MET VERBONDEN PARTIJEN ........................................................................................... 116
VERKLARING VAN DE COMMISSARIS ............................................... 119
4.ENKELVOUDIGE JAARREKENING OPTION NV EN TOELICHTING (VERKORTE VERSIE) ............................................................................ 128
5. INVESTOR RELATIONS EN FINANCIËLE KALENDER ................. 133
6. VERKLARING VERANTWOORDELIJKE PERSONEN .................. 135
7. BEDRIJFSWIJZER, STAND PER EINDE 2025 ............................... 136
8. VERKLARENDE WOORDENLIJST .............................................. 137
9. SOCIALE VERANTWOORDELIJKHEID ...................................... 139

4

1. WOORD VAN DE VOORZITTER

Aan onze aandeelhouders

Bij het begin van 2025 vernamen we van 2Invision dat ze de voorziene earn-out van 'up to 750k€' niet gingen betalen. Mede daardoor gingen onze Belgische banken zeer moeilijk doen en werden alle lopende kredietfaciliteiten over een termijn van 9 maanden opgeschort. Als kers op de taart bleef ook Remoticom ondermaats presteren en waren wij genoodzaakt om kordaat in te grijpen teneinde de continuïteit van de onderneming te verzekeren.

Het Option aandeel zakte door naar historische dieptepunten en de Raad van Bestuur met VZH als referentie aandeelhouder besliste om een deel (51%) van de participatie bij Remoticom af te bouwen en alle cumulatieve verliezen af te schrijven om uiteindelijk mid year via een belangrijke ( k€ 3.784) kapitaalsverhoging van VZH het eigen vermogen van Option te herstellen.

Het hoeft weinig toelichting om aan te geven dat de resultaten van Option in het eerste semester van 2025 navenant slecht waren. We beslisten om de boeg om te gooien en resoluut te kapitaliseren op historische competenties bij Option om een 'gateway centrische' strategie te ontwikkelen binnen onze 'engineering' afdeling en een nieuw CloudGate platform in de markt te zetten dat 'State of the art' is op het vlak van 'cyber security' en 'advanced connectivity' designed in Europe!

Ik ben fier en dankbaar om hier te kunnen bevestigen dat we daar wonderbaarlijk in geslaagd zijn en tijdens het tweede semester een werkelijke 'revival' van de gateway business van Option tot stand hebben zien komen. Het heeft nogal wat voeten in de aarde gehad om ook de supply chain weer op gang te trekken maar naar jaareinde toe was toch al duidelijk dat het ergste achter de rug was omdat wij voor het eerst in vele jaren het tweede semester met een positief operationeel resultaat EBITDA (+90 k) konden afsluiten.

De bloeding is gestopt en we kunnen 2026 daarom met vertrouwen tegemoet zien. We beslisten om onder de vlag van Option (ipv Crescent) onze plek in wereldmarkten te heroveren. Bij al de perikelen rond 2invision en Remoticom en de hernieuwde focus op Option mag ik zeker niet vergeten aan te geven dat onze andere Nederlandse dochters (met name SAIT NL en IPL NL) het wel rustig maar gestaag goed blijven doen en ook voor 2026 goed gepositioneerd zijn om aandeelhouderswaarde te genereren.

Last but not least vermeld ik graag de belangrijke bijdrage van ons nieuw executive management team met Filip Van Craenenbroeck (Option), Cedric de Haan( IPL), Edwin Lourens (SAIT) en recent zeker ook Erwin Laureys (Group CFO) om de nieuwe strategie te valideren en succesvol te implementeren.

Ik sluit af met de bevestiging dat we naarstig blijven werken aan twee bijkomende groei initiatieven via' integratie' activiteiten in het domein van ‘energy management systemen ' en 'advanced communicatie systemen' voor drones voor zowel commerciële als militaire toepassingen. Ik verwacht hier enkele mooie project realisaties in 2026 en nadien.

Om af te sluiten mogen we wel stellen dat we moeilijke tijden vrij goed zijn doorgesparteld maar met vertrouwen kunnen kijken naar robuste groei cijfers in 2026. The best is yet to come!

Met dankbare groeten voor jullie blijvende steun.

Eric Van Zele
Voorzitter

5

2. VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR

Geachte Aandeelhouders,

Wij hebben het genoegen U hierbij verslag uit te brengen over de activiteiten van de vennootschap gedurende het afgelopen boekjaar en de jaarrekening afgesloten per 31 december 2025 ter goedkeuring voor te leggen.

OVERZICHT VAN DE RESULTATEN EN DE RESULTATENVERDELING VAN DE VENNOOTSCHAP

Voor een gedetailleerd overzicht betreffende de geconsolideerde resultatenrekening en de balans, verwijzen we naar het financieel verslag dat volgt.

In de geconsolideerde resultatenrekening van 2025 kunnen de meest opvallende elementen van het geconsolideerd resultaat als volgt worden samengevat in k€ (duizend EUR):

In duizend EUR 2025 2024 aangepast
Omzet 9 227 9 954
EBITDA (240) (122)
Bedrijfsresultaat (904) (942)
Winst (Verlies) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten (482) (1 299)
Netto-resultaat (1 954) (3 015)

*We verwijzen naar Toelichting 15 betreffende de beëindigde bedrijfsactiviteiten van de Remoticom subgroep. Als gevolg van deze classificatie werden de resultaten van de Remoticom subgroep in zowel het huidig als het voorgaand boekjaar gepresenteerd op één afzonderlijke lijn “Beëindigde bedrijfsactiviteiten”. De vergelijkende cijfers werden dienovereenkomstig aangepast. Bovendien omvatte de “Beëindigde bedrijfsactiviteiten” in vorig boekjaar eveneens 2Invision subgroep dewelke toen al werden geclassificeerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten zoals vermeld in Toelichting 15.

De omzet daalde met 7% in vergelijking met 2024, de EBITDA voor 2025 was -k€ 240, hoewel in het tweede semester een licht positieve EBITDA werd gerealiseerd van k€ 90.

Om de evolutie van bovenstaande omzet- en EBITDA-cijfers te vergelijken, volstaat het de drie segmenten in de beide jaren naast mekaar te leggen.

De omzet van Innolumis bedroeg k€ 3 509 (2024: k€ 2 983) en steeg zo met 17,6%. De gerealiseerde EBITDA kwam uit op k€ 459 (2024: k€ 478). De ontvangen orders kwamen uit op k€ 2 905 in vergelijking met k€ 3 603 in 2024 en met k€ 2 817 het jaar daarvoor; de backlog eind 2025 eindigde op k€ 526 in vergelijking met k€ 1 216 eind 2024 en met k€ 597 eind 2023.

De omzet van SAIT viel terug van k€ 3 020 in 2024, naar k€ 2 424 in 2025 (-20%). Dit had alles te maken met vertragingen van zowel verkooporders voor integratieprojecten naar 2026, als van binnenkomende leveringen vanuit leveranciers. De onderhoudsinkomsten stegen tot k€ 1 017 boven het miljoen € (+14%).

De omzet van OPTION verminderde van k€ 3 950 in 2024 naar k€ 3 294 (-17%). Hoofdoorzaak hiervoor waren problemen in de toeleveringsketen, met name veroorzaakt door de herorganisatie bij de assembagepartner, waardoor orders voor ongeveer k€ 700 niet in 2025 konden worden uitgeleverd.

In 2025 werd eind augustus 51% van de participatie in Remoticom Holding BV verkocht, in de resultatenrekening werd daardoor een verlies opgenomen uit deze beëindigde bedrijfsactiviteiten van k€ 482, samengesteld uit het netto-verlies van Remoticom Holding BV en van haar dochtervennootschappen in de eerste acht maanden van 2025, en uit het netto-resultaat van de verkoop.

6

In de balans van eind 2025 zijn volgende de belangrijkste posten:

In duizend EUR 2025 2024 aangepast
Totaal eigen vermogen 681 (1 145)
Vlottende activa 3 315 4 912
Vaste activa 6 260 9 422
waarvan Goodwill 2 929 4 443
Netto financiële schuld (1) 900 2 372
Netto werkkapitaal (2) (1 580) (2 646)

(1) De netto financiële schuld bevat de financiële schuld verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten, exclusief de overige schulden ten aanzien van verbonden partijen.
(2) Het netto werkkapitaal werd berekend als de som van de voorraden, de handels- en overige vorderingen en de handels- en overige schulden opgenomen in de kortlopende verplichtingen.

Op 30 december 2025 heeft de buitengewone aandeelhoudersvergadering o.a. een kapitaalverhoging goedgekeurd door inbreng in natura van een vordering van Van Zele Holding NV ten bedrage van k€ 3.784. Hierdoor werd het eigen vermogen weer positief, en daalde de schuld. In de netto financiële schuld zijn geen verplichtingen meer opgenomen aan financiële instellingen. Wij verwijzen naar TOELICHTING 19 en TOELICHTING 22 van het IFRS jaarverlsag voor meer details.

BESLISSINGEN RAAD VAN BESTUUR ONDERWORPEN AAN DE PROCEDURE VOORZIEN IN ARTIKEL 7:96 EN 7:97 WVV

Het comité van onafhankelijke bestuurders bracht een advies uit naar de raad van bestuur van 20 januari 2025 over hiernavolgende punten:

  1. Kredietlijn VZH

In 2024 was VZH wederom bereid om financiële bijstand te verlenen aan de Vennootschap voor de financiering van haar werkkapitaal en afbetaling van historische schulden. Het Comité neemt kennis van en verwijst naar de overeenkomst “Addendum 2 bij de overeenkomst tot terbeschikkingstelling van middelen door VAN ZELE HOLDING NV aan CRESCENT NV dd. 27 april 2023” dd. 31.12.2024 aangegaan onder de opschortende voorwaarde van goedkeuring ervan door de raad van bestuur van de vennootschap in toepassing van voorliggende procedure.

Per 31.12.2024 bedraagt de schuld van de Vennootschap ten aanzien van VZH in hoofdsom 3.000.000 EUR. Het Comité begrijpt dat het op dit moment nog steeds moeilijk is voor de Vennootschap om externe middelen aan te trekken. Anderzijds is VZH bereid deze middelen te verstrekken tegen marktconforme voorwaarden.

Het Comité stelt vast dat de terugbetaling een uitdaging blijft voor de Vennootschap en merkt op dat naast de uitbreiding van de kredietlijn, andere maatregelen dienen uitgewerkt te worden om de financiële situatie van de Vennootschap te verbeteren. De terugbetaling van 3.000.000 EUR wordt voorzien met een bedrag van 250.000 EUR vóór einde 2025, en vanaf 2026 in jaarlijkse aflossingen van minstens 500.000 EUR. De concrete aflossingstermijnen en - bedragen voor 2026 zullen door Partijen bij de opmaak van het plan voor 2026 worden vastgelegd. Hoewel de schuldpositie van de Vennootschap ingevolge de verstrekte leningen is toegenomen, waren deze gelden op het moment van de verkrijging ervan van essentieel belang voor de continuïteit van de Groep.7 Zoals eerder reeds werd voorzien heeft VZH ook thans het recht om – tot zekerheid van de terugbetaling van de ter beschikking gestelde middelen – een pand te nemen op de aandelen van REMOTICOM HOLDING BV. Het Comité vindt de zekerheidstelling en vergoeding van Euribor 1 maand op datum van opname +5%, doch met een minimum van 5% jaarlijkse intrest fair gelet op de bestaande marktcondities, recent verhoogd door inflatie en onzekere geopolitieke toestanden, en ook de huidige precaire situatie van de vennootschap en de Option Groep.

2. Korte termijn financiering Remoticom

In de loop van 2024 werd financiering verstrekt aan dochtervennootschap REMOTICOM BV door enerzijds VZH en anderzijds door een aan de heer EIJSERMANS verbonden vennootschap ter opvang van de behoefte aan haar werkkapitaal. In oktober 2024 werd 100.000 EUR geleend van EIJSERMANS Beheer & Beleggingen B.V. (verbonden met de heer René EIJSERMANS) voor een periode van één jaar en in november 2024 kwam daar 50.000 EUR bij voor de periode tot 15.03.2025. Beide leningen werden onderschreven tegen een jaarlijkse intrestvoet van 9% en tegen een garantie vanwege de moedermaatschappij, zijnde OPTION NV.

In december 2024 werd vervolgens in totaal 140.000 EUR geleend van VZH voor een periode tot 15 maart 2025 voor 40.000 EUR, en voor een periode van één jaar voor 100.000 EUR, tegen een jaarlijkse intrestvoet van 9%. Omwille van de betrokkenheid van de heer EIJSERMANS, neemt hij niet deel aan de beraadslaging en beslissing omtrent dit punt en beslissen zodoende enkel de heer Frederic CONVENT, vaste vertegenwoordiger van SERVAL BV en de heer BOEDT over dit punt. De heren CONVENT en BOEDT vinden de vergoeding van 9% fair gelet op de bestaande marktcondities, recent verhoogd door inflatie en onzekere geopolitieke toestanden, en ook de huidige precaire situatie van de vennootschap en de Option groep. Dit geldt eveneens voor wat betreft de verstrekte garantie van de moedervennootschap op de leningen die REMOTICOM BV heeft ontvangen van EIJSERMANS Beheer & Beleggingen B.V.

3. Uitgifte van warranten

Het Comité neemt kennis van het OPTION Warrantenplan 2025 (voorheen “CRESCENT Warrantenplan 2025”) en de daaraan gerelateerde verslaggeving. De raad van bestuur wenst ter retentie en incentivering het personeel van de Vennootschap cfr. art. 1:27 WVV de algemene vergadering om de goedkeuring te vragen van het daartoe opgesteld OPTION Warrantenplan 2025. Met uitzonderling van de heer Frederic CONVENT, vaste vertegenwoordiger van SERVAL BV, kwalificeren alle bestuurders van de Vennootschap als begunstigde van de warranten onder voornoemd warrantenplan.

Omwille van de betrokkenheid van de heren EIJSERMANS en BOEDT, nemen zij niet deel aan de beraadslaging en beslissing omtrent dit punt en beslist zodoende enkel de heer Frederic CONVENT, vaste vertegenwoordiger van SERVAL BV over dit punt. De heer CONVENT vindt dat de toekenning van warranten een gepast middel is tot beloning, incentivering en retentie van de bestuursleden van de Vennootschap. Dergelijk mechanisme werd in het verleden reeds toegepast door de Vennootschap. Daarbij moedigt de Corporate Governance Code 2020 het toekennen van aandelen aan bestuursleden aan. Dit kan er namelijk toe bijdragen om de betrokkenen (meer) vanuit het perspectief van lange termijn aandeelhouders te laten handelen met als oogmerk het doen tot stand brengen van een duurzame waardecreatie. Duurzame waardecreatie behelst een expliciete nadruk op de lange termijn, op verantwoord gedrag van alle leidinggevenden binnen Groep en een permanente aandacht voor de legitieme belangen van de stakeholders.

8

4. Reverse stock split

VZH zal in het kader van het – aan de algemene vergadering voor te leggen – voorstel tot omgekeerde aandelensplitsing (“reverse stock split”) fungeren als opkoper van oude aandelen die overeenkomstig de ratio 1/1.000 niet kunnen worden geconsolideerd in een geheel aantal nieuwe aandelen. Het optreden van de referentie-aandeelhouder als opkoper van de fracties zal het vertrouwen van de markt in de Vennootschap ten goede komen, en de goede afloop van de reverse stock split ondersteunen. VZH heeft zich bereid verklaard deze rol als opkoper op zich te nemen. De opkoop zal gebeuren aan marktwaarde, met een minimum van 0,01€. VZH loopt hierbij een risico dat niet al de verworven fracties in één nieuw aandeel omzetbaar zullen zijn.

Het besluit van het comité luidde als volgt: De financieringen vanwege VZH in 2024 waren noodzakelijk voor het functioneren van de Groep. De korte termijn financieringen voor REMOTICOM BV waren ingegeven door een dringende werkkapitaal behoefte teneinde essentiële bestellingen te kunnen uitvoeren. Het opnemen van bestuurders onder het OPTION Warrantenplan 2025 komt voor als een gepast middel tot beloning, incentivering en retentie van de bestuursleden van de Vennootschap. Het gegeven dat VZH zou optreden van opkoper van de aandelenfracties (cfr. supra) is in het belang van de Vennootschap. Gelet op de bovenstaande overwegingen is het Comité van oordeel dat de voorgestelde verrichtingen geen kennelijke benadeling van de Vennootschap met zich meebrengen. Het Comité geeft dan ook een positief advies aangaande al de bovengenoemde transacties in samenstelling zoals vervat hierboven.

Het Besluit van de commissaris KPMG luidde als volgt: Op grond van onze beoordeling is niets onder onze aandacht gekomen dat ons ertoe aanzet van mening te zijn dat de financiële en boekhoudkundige gegevens vermeld in het advies van het comité van onafhankelijke bestuurders dd. 20 januari 2025 en in de notulen van het bestuursorgaan dd. 20 januari 2025, hetwelk de voorgenomen verrichtingen motiveert, niet in alle van materieel belang zijnde opzichten, getrouw en consistent zijn ten opzichte van de informatie waarover wij beschikken in het kader van onze opdracht.

Het comité van onafhankelijke bestuurders bracht het volgende advies uit naar de raad van bestuur van 6 november 2025 over hiernavolgende punten:

1. Inbreng in natura van schuldvordering door Van Zele Holding NV

Het Comité neemt kennis van de verslaggeving opgesteld door de raad van bestuur en de commissaris van de Vennootschap. In 2025 was VZH wederom bereid om financiële bijstand te verlenen aan de Vennootschap voor de financiering van haar werkkapitaal en afbetaling van historische schulden. Per 6 november 2025 bedraagt de schuld van de Vennootschap ten aanzien van VZH in hoofdsom 3.786.750 EUR. VZH is bereid gevonden om het grootste deel van voornoemde schuldvordering ten bedrage van 3.784.000 EUR in te brengen in het kapitaal van de Vennootschap aan een uitgifteprijs van 0,007 EUR per aandeel. In ruil voor de inbreng worden 540.571.428 nieuwe aandelen uitgegeven.

9

Het Comité begrijpt dat het op dit moment nog steeds moeilijk is voor de Vennootschap om externe middelen aan te trekken. Anderzijds is VZH bereid deze inbreng te doen tegen marktconforme voorwaarden. Het Comité stelt vast dat de terugbetaling een uitdaging blijft voor de Vennootschap en merkt op dat naast de uitbreiding van de kredietlijn, andere maatregelen dienen overwogen te worden om de financiële situatie van de Vennootschap te verbeteren, zoals de verlenging van de aflossing van bestaande schulden, de herziening van bankschulden, en de verkoop van bepaalde activa. Het Comité vindt de inbreng tegen een uitgifteprijs van 0,007 EUR per aandeel marktconform en fair gelet op de evolutie van de gemiddelde beurskoers over de laatste dertig beursdagen, en een aantal transacties in september 2025 aan deze koers. Bovendien lijkt een decote van 20% op de huidige beurkoers niet onredelijk gezien de situatie waarin de Vennootschap zich bevindt en de algemene geopolitieke spanningen.

2. Korte termijn financiering Remoticom

Het comité vindt dat de lichte verhoging van 10.000 EUR netto van de lening door VZH aan dezelfde voorwaarden als deze beslist in 2024 fair blijft zoals ook bevestigd in het verslag van het comité van 20 januari 2025.

3. Uitgifte warranten

Het Comité neemt kennis van de Q4 2025 update van het OPTION Warrantenplan 2025 en de daaraan gerelateerde verslaggeving. Het Comité begrijpt dat sinds de goedkeuring van het OPTION Warrantenplan 2025 door de buitengewone algemene vergadering van 30 mei 2025 zich een aantal wijzingen hebben voorgedaan waardoor de raad van bestuur een update Q4 2025 van het OPTION Warrantenplan 2025 ter goedkeuring wenst voor te leggen aan de buitengewone algemene vergadering die zal worden gehouden in Q4 2025. De wijziging is drievoudig:

  1. Het optrekken van het aantal uit te geven Warranten onder het OPTION Warrantenplan 2025 van 100.000.000 tot 127.000.000 Warranten teneinde het aantal uit te geven Warranten verhoudingsgewijs in overeenstemming te brengen met het ingevolge de kapitaalverhoging - die eveneens ter goedkeuring aan de buitengewone algemene vergadering zal worden voorgedaan – (nieuwe) aantal aandelen (totaal aantal aandelen stijgt van 1.994.069.717 aandelen => 2.534.641.145 aandelen) of een Equivalent van 127.000 inschrijvingsrechten na aandelenhergroepering;

  2. Conformeren uitoefenprijs aan de marktwaarde van het aandeel door het af te stemmen op de beurskoers van het aandeel van de Vennootschap i.p.v. een vaste uitgifteprijs van 0,01 EUR, concreet wordt volgende aanpassing voorgesteld: “Deze aandelen zullen worden uitgegeven tegen een prijs die gelijk is aan de “marktwaarde” zijnde, het laagste van de volgende twee bedragen: (i) het gemiddelde van de slotkoersen van het aandeel van de vennootschap (bepaald op basis van de officiële slotkoers van de beurs) gedurende de dertig (30) kalenderdagen voorafgaande aan de datum van aanbod of (ii) de slotkoers van het aandeel op de werkdag onmiddellijk voorafgaand aan de datum van aanbod. Indien de marktwaarde minder dan de fractiewaarde van het aandeel bedraagt, zal de uitoefenprijs niet lager zijn dan de fractiewaarde;

3.Actualisatie lijst begunstigden ingevolge herschikking binnen de raad van bestuur en het management, volgende bestuurders worden thans reeds opgesomd als Begunstigden onder het Plan:

i. VAN ZELE HOLDING NV, vast vertegenwoordigd door dhr. Eric VAN ZELE: 45.000.000 Warranten
ii. dhr. Raju DANDU: 5.000.000 Warranten
10
iii. MICHIELS INVEST EN MANAGEMENT BV, vast vertegenwoordigd door dhr. Johan MICHIELS: 15.000.000 Warranten
iv. Luc BOEDT: 20.000.000 Warranten
v. GEISTESBLIZZ GmbH, vast vertegenwoordigd door Eva Wimmers: 5.000.000 Warranten
vi. Nick VERMEERSCH: 5.000.000 Warranten

De voltallige raad van bestuur zal Begunstigde zijn onder het Plan. Dit maakt dan dat ook de leden van het comité zelf een mogelijk belangenconflict hebben van vermogensrechtelijke aard. Het is wel zo dat de beslissing niet bij de raad van bestuur ligt, maar aan de aandeelhouders zal worden voorgelegd. Desalniettemin vindt het comité dat de toekenning van warranten een gepast middel is tot beloning, incentivering en retentie van de bestuursleden van de Vennootschap. Dergelijk mechanisme werd in het verleden reeds toegepast door de Vennootschap.

Daarbij moedigt de Corporate Governance Code 2020 het toekennen van aandelen aan bestuursleden aan. Dit kan er namelijk toe bijdragen om de betrokkenen (meer) vanuit het perspectief van lange termijn aandeelhouders te laten handelen met als oogmerk het doen tot stand brengen van een duurzame waardecreatie. Duurzame waardecreatie behelst een expliciete nadruk op de lange termijn, op verantwoord gedrag van alle leidinggevenden binnen Groep en een permanente aandacht voor de legitieme belangen van de stakeholders.

De beraadslagende leden begrijpen de voorgestelde wijzingen en sluiten zich daarbij aan. Het besluit van het Comité luidde als volgt:

De verdere financieringen vanwege VZH in 2025 waren noodzakelijk voor het functioneren van de Groep. De beweging van omzetting van de opgebouwde schuld in kapitaal zal de balans van de Vennootschap versterken door de afname van de schuldgraad. De voorgestelde aanpassingen onder de Q4 2025 update van het OPTION Warrantenplan 2025 komen voor als gepast. Het comité blijft bij haar eerder standpunt dat warranten een gepast middel zijn tot beloning, incentivering en retentie van de bestuursleden van de Vennootschap.

De finale beslissing hierover zal berusten bij de buitengewone algemene vergadering dd. 8 december 2025 of dd.30 december 2025 indien op eerstvolgende vergadering het aanwezigheidsquorum niet wordt behaald. Gelet op de bovenstaande overwegingen is het Comité van oordeel dat de voorgestelde verrichtingen geen kennelijke benadeling van de Vennootschap met zich meebrengen. Het Comité geeft dan ook een positief advies aangaande al de bovengenoemde transacties in samenstelling zoals vervat hierboven.

Het Besluit van de commissaris KPMG luidde als volgt:

Op grond van onze beoordeling is niets onder onze aandacht gekomen dat ons ertoe aanzet van mening te zijn dat de financiële en boekhoudkundige gegevens vermeld in het advies van het Comité van onafhankelijke bestuurders dd. 6 november 2025 en in de notulen van het bestuursorgaan dd. 6 november 2025, welke de voorgenomen verrichting motiveren, niet in alle van materieel belang zijnde opzichten, getrouw en consistent zijn ten opzichte van de informatie waarover wij beschikken in het kader van onze opdracht.

STATUTAIRE JAARREKENING VAN DE VENNOOTSCHAP

De omzet voor 2025 bedroeg € 3,7 miljoen, tegenover € 4,5 miljoen het vorige boekjaar. De IoT verkopen (incl. cloudgates en sensoren) daalden met 0,5 miljoen tot € 2,0 miljoen vnl door problemen in de toeleveringsketen, engineering services stegen licht naar € 0.5 miljoen. De brutomarge verminderde van € 2,4 miljoen in 2024 naar € 2,3 miljoen in 2025, ten gevolge van de gedaalde omzet, enigszins gecompenseerd door een verbeterde omzetmix.
11
De recurrente bedrijfskosten (exclusief kosten voor handelsgoederen, grond – en hulpstoffen) beliepen € 4,1 miljoen en bleven zo vrijwel op hetzelfde peil als dat van 2024 (€4,2 miljoen). In de financiële kosten werd een niet-recurrente financiële kost opgenomen die overwegend voortkwam uit het geboekte verlies op de verkoop van de meerderheidsparticipatie van Remoticom Holding BV (€ 2 miljoen), en door de bijkomende waardevermindering (€2,3 miljoen) van de resterende participatie van Remoticom Holding BV van 49%. Ook in de financiële opbrengsten werd een niet-recurrente financiële opbrengst opgenomen door de afboeking van voornamelijk zeer oude schulden op niet meer actieve Option filialen.

De Raad van Bestuur heeft de statutaire boekwaardes van de participaties in Crescent Ventures en onderliggend haar dochterondernemingen Innolumis en SAIT en het resterend belang in Remoticom Holding, geëvalueerd op basis van de business plannen en toekomstig verwachte kasstromen, en besloot dat met uitzondering van een bijkomende waardvermindering van €2,3 miljoen op Remoticom Holding BV, geen bijkomende duurzame waardevermindering moet geboekt worden op 31 december 2025.

Het nettoverlies van € 4,6 miljoen van 2025 werd voor € 2,9 miljoen door dit niet-recurrent resultaat beïnvloed. Door de kapitaalbewegingen van eind december 2025, gevolgd door de kapitaalverhoging van € 3,8 miljoen werd het kapitaal van de vennootschap teruggebracht tot € 1,9 miljoen, voor een eigen vermogen van € 1,4 miljoen. De vennootschap heeft geen bijkantoren.

BESTEMMING VAN HET RESULTAAT

De Raad van Bestuur stelt voor om het niet-geconsolideerde nettoverlies uit de enkelvoudige jaarrekening van de Vennootschap van € 4,6 miljoen over 2025 over te dragen naar het volgende boekjaar. Het verlies van het boekjaar bedraagt 4,6 miljoen EUR, tegenover 7,0 miljoen EUR in 2024. Tijdens het boekjaar werd een kapitaalverhoging door incorporatie van verliezen doorgevoerd van 17,8 miljoen EUR. Hierdoor bedraagt het overgedragen verlies per eind 2025 4,6 miljoen EUR.

Gezien ten gevolge van dit overgedragen verlies het nettoactief gedaald is tot minder dan de helft van het geplaatst kapitaal, heeft het bestuursorgaan, in het kader van de alarmbelprocedure (toepassing van art 7:228 WVV) een bijzonder verslag opgemaakt waarin het uiteenzet welke maatregelen voorgesteld worden om de continuïteit van de vennootschap te vrijwaren. De algemene vergadering van 29 mei 2026 zal gevraagd worden om te besluiten over de te nemen en de genomen maatregelen, zoals opgenomen in het bijzonder verslag, om de continuïteit van de vennootschap te vrijwaren.

ACTIVITEITEN OP HET GEBIED VAN ONDERZOEK EN ONTWIKKELING

CLOUDGATE – DE TECHNOLOGISCHE RUGGENGRAAT

Het CloudGate-platform vormt de verbindende schakel binnen het hele portfolio. Dankzij de modulaire opbouw, brede protocolondersteuning, grafische LuvitRed-configuratie en krachtige device management via CloudGate Universe, blijft het systeem dé standaard voor veilige, flexibele en schaalbare IoT-infrastructuren. In 2025 werd CloudGate verder geoptimaliseerd voor ondersteuning van sensornetwerken met LoRa, Bluetooth Mesh en cellular connectiviteit en werd verder ingezet op doorontwikkelingen van de Cloudgate Probe en de parkeersensor, naast de opstart midden 2025 van de ontwikkeling van de Cloudgate NXS. Option heeft in 2025 haar technologieportfolio voor Smart Building en stedelijke mobiliteit verder uitgebouwd, met bijzondere aandacht voor energiebeheer en nauwkeurige detectie- en positioneringstechnologieën.

  • Doorontwikkeling CloudGate Probe
    CloudGate Probe is een compact meetapparaat dat op een DIN-rail kan worden gemonteerd 12 en apparaten via Modbus (RS-485), M-bus, P1-interface digitale en analoge ingangen kan verbinden met een LoRaWAN-netwerk. Hierdoor kunnen activa en gebouwen op een gemakkelijke manier op afstand worden bewaakt. Als goedkoop en compact apparaat kan de CloudGate Probe gegevens van lokale meters lezen en naar uw IoT-platform verzenden. Het apparaat kan ook worden gebruikt om instellingen of de status van een actuator te wijzigen, zoals een HVAC-apparaat, regelklep, relais, enz. De CloudGate Probe LoRa is bedoeld voor gebruik in gebouwen (d.w.z. slimme gebouwen en gebouwbeheerplatforms). In combinatie met een CloudGate Gateway kan de CloudGate Probe LoRaWAN worden gebruikt als een slave-apparaat om de gegevens van meerdere assets vast te leggen en deze naar een CloudGate Gateway te verzenden. Hier kan lokale of Edge-verwerking worden toegepast, zodat alleen de meest essentiële informatie wordt gefilterd en doorgestuurd naar een gecentraliseerde serverapplicatie die op tal van cloudplatforms kan draaien.

  • Doorontwikkeling van parkeersensoren
    De SPS 100 en SPS 200 parkeersensoren kunnen worden bevestigd op het parkeeroppervlak om de aanwezigheid van voertuigen boven de sensor te detecteren. Een magnetische sensor en 60 GHz radarsensor zorgen voor een betrouwbare werking met een lange batterijduur. NB-IoT-communicatie met laag vermogen naar data-backend (SPS100) en communicatie met laag vermogen over Lorawan met groot bereik naar data-backend (SPS200) zijn voorzien, naast open API voor toegang tot het cloudplatform. Firmware configuratie en updates zijn remote mogelijk. 13
    Na montage wordt de parkeersensor geactiveerd via NFC-technologie. De ingebouwde magnetische sensor controleert continu veranderingen in het magnetische veld die worden veroorzaakt door de beweging van voertuigen. De ingebouwde radarsensor van de parkeersensor bevestigt vervolgens wanneer een voertuig zich boven de sensor bevindt. Dit algoritme zorgt voor een optimaal gebruik van de batterij met behoud van een hoge nauwkeurigheid. Het batterijniveau wordt periodiek gecontroleerd en met een configureerbaar interval naar de back-end server gestuurd. Batterijlevensduur schommelt tussen de 5 en 10 jaar.

CLOUDGATE NXS

In juli 2025 werd gestart met de ontwikkeling van de nieuwe Cloudgate, de Cloudgate NXS.Deze bouwt op de jarenlange ervaring van Option met IoT gateways, maar voorziet een ingrijpende moderniseringsslag met volgende differentiërende kenmerken:

  • Veilig – NXP i.MX9-hardwarebeveiliging in combinatie met een Infineon TPM
  • Hoge prestaties – 100 keer sterker dan de CloudGate LTE
  • Ontworpen, ontwikkeld en geproduceerd in Europa – Europees bedrijf, Europese/Amerikaanse productie en alle belangrijke onderdelen afkomstig uit Europa/Amerika.
  • Toekomstbestendig – Gebouwd om te voldoen aan veranderende wettelijke vereisten, waaronder RED- compliance.

De CloudGate NXS-gateway biedt unieke flexibiliteit waardoor klanten en systeemintegratoren het product kunnen aanpassen aan hun oplossing of zelfs aan locatiespecifieke vereisten. Het bevat verschillende hardware-uitbreidingsslots waardoor de CloudGate NXS kan worden uitgebreid met extra radio- en/of bekabelde interfaces. De uitbreidingskaarten zijn eenvoudig en snel te installeren, waardoor het apparaat ter plaatse kan worden geüpgraded wanneer nieuwe functionaliteit nodig is.

Er is een opkomende trend om machines en andere ‘dingen’ in onze omgeving te verbinden, te monitoren en te besturen, maar het gebruik van kabels om dit te doen is vaak niet wenselijk of zelfs onmogelijk. Met de optionele LoRaWAN-uitbreidingskaart kan de CloudGate gateway verbinding maken met alle LoRaWAN draadloze sensoren.

De CloudGate NXS zal voorzien worden van een Infineon SLM 9670 TPM2.0-module voor een veilige sleutelopslag (bijvoorbeeld voor het maken van een TLS-verbinding), een unieke en betrouwbare apparaatverificatie ten opzichte van de cloud, een veilige opstart (controleren of de firmware authentiek 14 is) en gegevensversleuteling, een ARM i.MX9-applicatieprocessor met geïntegreerde beveiligingsmogelijkheden. Technisch zal de gateway uitgerust worden met een EdgeLock® secure enclave, een Trusted Resource Domain Controller (TRDC), een OCRAM-controller met on-chip RAM (OCRAM), een battery-Backed Security Module (BBSM) voor robuuste sleutelopslag en systeemintegriteit. en ARM(R) Trustzone(R)- architectuur, Naleving van regelgeving en certificering (NIST) is eveneens een nagestreefde eigenschap. Verwacht wordt dat de Cloudgate NXS in het eerste semester van 2026 gecertificeerd zal worden. Bovendien zal een 5G variant van de Cloudgate NXS worden ontwikkeld, en vanaf de tweede helft van 2026 op de markt geïntroduceerd.

LUCIANA

Bij Innolumis is in het voorbije jaar de laatste hand gelegd aan de ontwikkeling van de nieuwe kegelarmatuur, de ‘Luciana’. De Luciana combineert modern design, energiezuinige prestaties en een sterke focus op circulariteit. Dankzij het doordachte ontwerp zijn onderdelen eenvoudig te demonteren, te vervangen of te hergebruiken. Daarmee sluit de Luciana naadloos aan bij de groeiende vraag naar duurzame en toekomstbestendige openbare verlichting.

In de afgelopen jaren werden twee ontwikkelingsprojecten in Option NV opgestart en afgerond waarvoor overheidsondersteuning werd bekomen:

In 2019 is een project opgestart in samenwerking met Tres BV dat bijdraagt aan de innovatie en ontwikkelingen in het domein van ‘Smart Cities’ (https://tres.city/). De Groep heeft als partner in het project meegewerkt aan het ontwikkelen van een prototype van een intelligente lichtkolom. Voor het project werd een subsidiedossier ingediend en goedgekeurd bij het Vlaams Agentschap voor Innoveren en Ondernemen, VLAIO. De Groep heeft een subsidie ontvangen ten belope van 45% van de werkelijke kosten, wat overeenkomt met k€ 367. De laatste schijf van k€ 71 hiervan werd begin 2023 ontvangen. De commercialisatie van deze intelligente lichtkolom werd vanaf 2022 opgestart.

Daarnaast was de Groep in 2021 eveneens een project gestart in samenwerking met Verhaert New Product & Services (VNPS) en DroneMatrix, samen met onderzoekspartners IMEC en IDLab. Met dit project wil de Groep de toekomst van zijn vlaggenschipgateway CloudGate veiligstellen door een 5G-variant te ontwikkelen, te prototypen en te testen om op termijn te leiden naar een nieuwe generatie CloudGate. Voor het project werd een subsidiedossier ingediend en goedgekeurd bij het Vlaams Agentschap voor Innoveren en Ondernemen. Het project werd in 2024 afgerond, en het eindverslag ervan werd goedgekeurd, aangezien de kosten van dit project in vorige jaren volledig werden ten laste genomen, werd in 2024 de volledig ontvangen subsidie in opbrengsten genomen (162k€). 15

BELANGRIJKE GEBEURTENISSEN DIE PLAATSVONDEN NA AFLOOP VAN HET BOEKJAAR

De financiering door Van Zele Holding NV beliep € 1,5 miljoen eind 2025. In de eerste drie maanden van 2026 is de financiering opgetrokken met € 0,6 miljoen, zodat op datum van dit verslag de uitstaande financiering € 2,1 miljoen bedraagt. In januari 2026 heeft Option een aandelenconsolidatie uitgevoerd, waardoor voor 1.000 oude aandelen, één nieuw aandeel is uitgegeven. Hierdoor bedraagt het totaal aantal aandelen op dit ogenblik 2.534.641. De ISIN-code van de nieuwe aandelen op Euronext is BE0974496284.

Warranten

Eind 2025 waren alle warranten van de vroegere warrantenplannen vervallen. Evenwel werd door de buitengewone aandeelhoudersvergadering van 30 mei 2025 een nieuw warrantenplan goedgekeurd, dat uiteindelijk werd bijgesteld in de buitengewone aandeelhoudersvergadering van 30 december 2025. (zie ook p.9 van dit verslag). Op 31 december 2025 werden 127.000 warranten aangeboden, waarvan er 120.000 zijn geaccepteerd in 2026. De belangrijkste voorwaarden van het warrantenplan “2025” zijn de volgende:

  • De uitoefenprijs van voormelde warranten bedraagt € 8,2 (zijnde de slotkoers van de laatste werkdag voor het aanbod) per warrant toegekend aan bestuurders en divisiemanagers;
  • Het plan heeft een looptijd van 5 jaar;
  • Bij conversie van hun warranten ontvangen de warranthouders één gewoon aandeel van Option NV per warrant;
  • De warranten zullen in tranches definitief verworven zijn gedurende de drie jaren na datum van het aanbod en definitief uitoefenbaar zijn op de derde verjaardag van de datum van aanbod;
  • Het plan voorziet een versnelde verkrijging en uitoefening ingeval van wijziging van controle.

VERKLARING VAN CORPORATE GOVERNANCE

DE BELGISCHE CORPORATE GOVERNANCE CODE

De belangrijkste aspecten van het beleid van de Vennootschap inzake corporate governance worden uiteengezet in het Corporate Governance Charter van Option NV (het 'Charter', dat beschikbaar is op https://www.option.com). Option hanteert het "pas toe of leg uit" systeem met betrekking tot volgende onderwerpen:

  1. Het tweede principe uit de Corporate Governance Code 2020 voorziet in een scheiding der machten tussen de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management, met constructieve interactie tussen beide organen. OPTION NV is enerzijds een houdstermaatschappij die holdingactiviteiten waarneemt, anderzijds zitten in diezelfde juridische entiteit operationele OEM (“Original Equipment Manufacturer”) activiteiten van de bedrijfstak “Option”. Op heden vallen binnen OPTION NV strikt genomen de bevoegdheden van Voorzitter van de Raad van Bestuur tijdelijk samen met deze van de Gedelegeerd Bestuurder van de Vennootschap, beide functies waargenomen door VAN ZELE HOLDING NV, vast vertegenwoordigd door de Heer Eric VAN ZELE. De bedrijfstak “Option” beschikt evenwel over een eigen operationele leiding, op heden waargenomen door de Heer Filip Van Craenenbroeck. Een andere bestuursregeling zou - gelet op de concrete omstandigheden waarin OPTION zich op dit ogenblik bevindt – vooralsnog niet in het belang zijn van de Vennootschap, Met betrekking tot dit punt zal de Raad van Bestuur periodiek evolueren in hoeverre dergelijke opstelling nog actueel en noodzakelijk is, en zo nodig overgaan tot het treffen van gepaste maatregelen. 16

  2. De combinatie van het Benoemingscomité met het Remuneratiecomité: gelet op de omvang van de Groep besliste de Raad van Bestuur om deze twee comités te combineren. De facto worden de dossiers met betrekking tot benoemingen en renumeratie binnen de raad van bestuur zelf behandeld.

SAMENSTELLING VAN DE RAAD VAN BESTUUR

De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur ten minste drie en hoogstens negen leden telt, die voor een termijn van hoogstens zes jaar door de Algemene Vergadering van aandeelhouders benoemd worden. De Raad van Bestuur dient ten minste drie onafhankelijke bestuurders te bevatten. De Raad van Bestuur bestaat eind 2025 uit zes bestuurders:

  • VAN ZELE HOLDING NV (KBO 0866.808.529), met vaste vertegenwoordiger de Heer Eric VAN ZELE, als Afgevaardigd Bestuurder en Voorzitter
  • de Heer Raju DANDU als niet-uitvoerend Bestuurder
  • MICHIELS INVEST & MANAGEMENT BV, met vaste vertegenwoordiger de Heer Johan MICHIELS, als niet-uitvoerend Bestuurder
  • De Heer Luc BOEDT als onafhankelijke bestuurder
  • GEISTESBLIZZ GmbH, vertegenwoordigd door mevrouw Eva WIMMERS, als niet-onafhankelijke bestuurder
  • De Heer Nick VERMEERSCH als onafhankelijke bestuurder

Na het ontslag van SERVAL BV, vertegenwoordigd door Frederic Convent, als onafhanlijke bestuurder per 31 januari 2025, werd Geistesblizz GmbH, met zetel te Simrockstr. 21, 53113 Bonn, Duitsland, HRB 24132, vast vertegenwoordigd door Mevr. Eva WIMMERS per 1 februari 2025 door de raad van bestuur gecoöpteerd als onafhankeijke bestuurder. De Heer René EIJSERMANS heeft op 19 maart 2025 omwille van gezondheidsredenen zijn vrijwillig ontslag aangeboden. Voorgaande ontslagen en benoeming werden door de Gewone Aandeelhoudersvergadering van 30 mei 2025 goedgekeurd. Gezien de mandaattermijn van de meeste bestuurders eind mei verstreek, besliste dezelfde vergadering ter alignering van de benoemingstermijnen de mandaten met een duurtijd van zes jaar te verlengen zijnde tot 30 mei 2031. De Raad van Bestuur van 10 september 2025 besloot om de Heer Nick Vermeersch vanaf die datum te coöpteren als onafhankelijke bestuurder. Zijn aanstelling werd door de Buitengewone Aandeelhoudersvergadering van 30 december 2025 bevestigd. Zijn mandaat loopt eveneens tot 30 mei 2031.# WERKING VAN DE RAAD VAN BESTUUR

Onder voorzitterschap van Eric Van Zele/Van Zele Holding NV vergaderde de Raad van Bestuur in 2025 6 keer waarvan 4 keer fysisch, en 2 keer virtueel.

Naam x/y *
van Zele Holding 6/6
Mr. Raju Dandu 2/6
MICHIELS INVEST & MANAGEMENT BVBA 6/6
Geistesblizz GmbH 5/5
Luc Boedt 6/6
Nick Vermeersch 2/2
René Eijsermans 2/2
Serval BV 1/1
  • x/y: aanwezigheid/aantal RVB in 2025

ACTIVITEITENRAPPORT

De Raad van Bestuur oefende zijn bevoegdheden tijdens het boekjaar 2025 uit in overeenstemming met de beginselen die beschreven staan in het charter voor deugdelijk bestuur. Naast zijn gewone activiteiten werkte de Raad van Bestuur intensief aan een verdere versterking van de strategie en diverse financieringsopties, ontwikkeld via een interactief proces tussen de Raad en het management van Option.

AUDITCOMITÉ

Het auditcomité samengesteld uit MICHIELS INVEST & MANAGEMENT BV, met vaste vertegenwoordiger de Heer Johan MICHIELS en VAN ZELE HOLDING NV als waarnemer, en met vaste vertegenwoordiger de Heer Eric VAN ZELE kwam fysisch samen op 22 april 2025 en 17 december 2025. Bij deze comités was telkens ook de Heer Raf Cox van KPMG Bedrijfsrevisoren BV aanwezig. Aan de auditcomités van 22 april presenteerde hij de bevindingen van de 2024 audit, aan het auditcomité van 17 december legde hij het audit plan voor 2025 voor.

De bestuurders, leden van het Audit Comité, beschikken vanuit hun vroegere en huidige functies over toereikende en nodige competenties inzake boekhouding, audit en financiën om deze rol daadwerkelijk uit te oefenen. Het Auditcomité geeft advies aan de Raad van Bestuur op het vlak van financieel, wettelijk en reglementair toezicht. Het Auditcomité heeft specifieke taken hierbij inbegrepen het toezicht op de financiële verslaggeving van de Vennootschap. Het comité draagt er zorg voor dat er voldoende interne controlemechanismen aanwezig zijn en onderzoekt in samenspraak met de commissaris van de Vennootschap alle vraagstukken inzake boekhouding en waardering. Het Audit Comité rapporteert op regelmatige basis aan de Raad van Bestuur en wijst in het bijzonder op de aangelegenheden die nadere actie of verbetering vereisen en maakt aanbevelingen over mogelijke optimalisaties. Het Auditcomité volgt ook de efficiëntie op van de interne controle en het risicobeheer, de interne en externe audit, het budgetproces en de periodieke publicaties. Het Auditcomité kan privé sessies organiseren met de externe auditor en CFO, zonder de aanwezigheid van de andere leden van het management of de uitvoerende bestuurder. Het Auditcomité kan beroep doen op externe experten, als dit nodig is om zijn rol uit te oefenen.

REMUNERATIE- EN BENOEMINGSCOMITÉ

Het Remuneratie- en Benoemingscomité heeft als rol om ervoor te zorgen dat de personeelsleden op correcte wijze worden vergoed, en dat de beste internationale gebruiken worden nageleefd bij het bepalen van de vergoeding en incentives van bestuurders en het management, alsook de benoeming van laatstgenoemden. Het Remuneratie- en Benoemingscomité adviseert de voorzitter eveneens over de vergoeding van het EXCOM. Gelet op de omvang van de Groep oefent het Remuneratiecomité ook de functie uit van Benoemingscomité.

Door de bestuurderswissels in de loop van de voorbije jaren, werden de remuneratie- en benoemingsbeslissingen besproken binnen de Raad van Bestuur zelf, en kwam het Remuneratiecomité niet apart samen om te adviseren over remuneratie- en benoemingsbeslissingen. De vergoeding van de (niet-uitvoerende) bestuurders wordt bepaald door de Algemene Vergadering op basis van een voorstel van de Raad van Bestuur na advies van het Remuneratiecomité. De vergoeding van de CEO wordt bepaald door de Raad van Bestuur na advies van het Remuneratiecomité. De vergoeding van het uitvoerend management wordt bepaald door de CEO na overleg met het Remuneratiecomité. Geen individu kan zijn/haar vergoeding zelf bepalen. Deze procedure wordt toegepast, zowel bij het bepalen van het remuneratiebeleid, als bij het bepalen van de individuele remuneratie van bestuurders en Uitvoerend Management, en zal, naar het oordeel van de Raad van Bestuur, niet worden gewijzigd in de komende twee boekjaren.

In het bepalen van de hoogte van de vergoeding voor het Uitvoerend Management Team biedt de Vennootschap een competitieve totale vergoeding aan gebaseerd op een combinatie van een basissalaris, een variabel salaris, extralegale voordelen en warranten. De methodiek voor het bepalen van de targets voor en het evalueren van de prestaties en het variabel salaris van de Executive Managers wordt beoordeeld door het Remuneratiecomité.

VERGOEDING VAN DE BESTUURDERS

Aan de Algemene Vergadering van 29 mei 2026, zullen de volgende vergoedingen worden voorgesteld voor de Bestuurders die ongewijzigd zijn ten aanzien van het remuneratiebeleid zoals goedgekeurd door de Algemene Vergadering dd. 30 mei 2025:
- Een vaste vergoeding voor de voorzitter van k€ 24 per jaar (2024: k€ 24)
- Een vaste vergoeding van k€ 2 per fysieke vergadering en k€ 1 per virtuele of telefonische bijeenkomst

Vergoedingen voor bijkomende opdrachten (zoals deelname aan afzonderlijke comités, audits, etc.), worden bepaald op k€ 1 per bestuurder per bijeenkomst. Voor vergoeding van bijkomende kosten wordt gevraagd om de Raad van Bestuur en het Remuneratiecomité over deze te laten beslissen. Aanvullend bij voornoemde vergoeding zijn bestuurders ook gerechtigd op terugbetaling van gedane “out-of-pocket” uitgaven overeenkomstig het vastgestelde beleid van de Vennootschap hieromtrent (inzonderheid inzake reisonkosten) en voor zover zulke uitgaven redelijk zijn en vereist voor de uitoefening van hun taken als bestuurder van de Vennootschap.

Voor het boekjaar 2025 werden bovenvermelde regels al toegepast en was het totale bedrag van bestuurdersvergoedingen die in de bedrijfskosten werden opgenomen k€ 64 (2024: k€ 53). Begin 2026 werden door de bestuurders in totaal voor 120.000 warranten aanvaard ten gevolge van het nieuwe warrantenplan 2025.

UITVOEREND MANAGEMENT TEAM (EXCOM)

Het Corporate Governance Charter bepaalt de samenstelling van het Uitvoerend Management Team (Excom). Op 31 december 2025 was het Excom nog samengesteld uit Van Zele Holding NV, vast vertegenwoordigd door Dhr Van Zele als voorzitter en Edwin Bex, CFO. Tot eind mei 2025 was ook Joost Van der velden, directeur Remoticom nog lid van het Excom. Vanaf 2026 zal het Management Team worden samengesteld door Van Zele Holding NV, vast vertegenwoordigd door Dhr Van Zele als voorzitter, Edwin Bex, CFO en de directeuren van de drie divisies, Filip Van Craenenbroeck voor Option NV, Edwin Lourens voor SAIT BV en Cedric De Haan voor Innolumis Public Lighting BV. Vanaf 1 april 2026 werd Edwin Bex als CFO opgevolgd door Erwin Laureys.

BEZOLDIGING VAN DE LEDEN VAN HET UITVOEREND MANAGEMENT (EXCOM)

De totale vergoeding van het Excom inclusief bijkomende remuneratiecomponenten bedroeg k€ 158 (2024: k€ 478). Geen enkel lid van het Uitvoerend Management Team komt in aanmerking voor specifieke vertrekvergoedingen, boven op de bestaande wettelijke regelingen. Er bestaan geen bijzondere rechten van herstel, in aanvulling op de bestaande wettelijke bepalingen, die speciale bevoegdheden toekennen aan de Vennootschap om op basis van onjuiste financiële gegevens toegekende of betaalde variabele vergoedingen terug te vorderen.

AANDEELHOUDERSSTRUCTUUR

Het aandelenkapitaal per eind 2025 bedroeg 1 950 216,25 EUR vertegenwoordigd door 2 534 641 145 aandelen. De aandelen hebben geen nominale waarde. Alle aandelen van de Vennootschap hebben dezelfde rechten. De aandeelhoudersstructuur was op datum van 31 december 2025 als volgt in vergelijking met 2024:

Identiteit van de persoon, entiteit of groep van personen of entiteiten Aantal gewone aandelen 2025 Percentage 2025 Aantal gewone aandelen 2024 Percentage 2024
Van Zele Holding/Eric Van Zele 955 410 359 37,69% 579 419 358 29,06%
Danlaw 103 838 830 4,10% 103 838 830 5,21%
GM-Invest 135 000 000 5,33% - 0,00%
Global Innovator - 0,00% 66 607 203 3,34%
Eijsermans Beheer en Beleggingen/René Eijsermans - 0,00% 66 833 333 3,35%
Free Float 1 340 391 956 59,04% 1 177 370 993 59,04%
Totaal uitstaande aandelen 2 534 641 145 100% 1 994 069 717 100%

RELEVANTE INFORMATIE IN HET GEVAL VAN EEN PUBLIEK OVERNAMEBOD

OVERDRACHT BEPERKINGEN OPGELEGD DOOR DE WET OF DE STATUTEN

Behoudens wat hierna gesteld wordt, zijn de door de Vennootschap uitgegeven kapitaalsaandelen niet onderworpen aan enige wettelijke of statutaire overdrachtsbeperkingen.

HOUDERS VAN BIJZONDERE RECHTEN

Geen

MECHANISMES VOOR DE CONTROLE VAN ENIG AANDELENPLAN VOOR WERKNEMERS WANNEER DE ZEGGENSCHAPSRECHTEN NIET RECHTSTREEKS DOOR DE WERKNEMERS WORDEN UITGEOEFEND

Er bestaan geen zulke aandelenplannen voor werknemers binnen de Vennootschap.

BEPERKINGEN VAN HET STEMRECHT

De aandelen van de Vennootschap zijn niet onderworpen aan wettelijke of statutaire stemkrachtbeperkingen. Ieder aandeel geeft recht op één stem. Het stemrecht verbonden aan de aandelen van de Vennootschap zal echter in de gevallen voorzien in het Wetboek van vennootschappen en verenigingen worden geschorst. Verder kan in principe niemand op een Algemene Vergadering van de Vennootschap aan de stemming deelnemen voor meer stemmen dan degene verbonden aan effecten waarvan hij/zij meer dan twintig (20) dagen vóór de datum van de Algemene Vergadering kennis heeft gegeven in overeenstemming met de wetgeving betreffende belangrijke deelnemingen (Artikel 7:83 Wetboek Vennootschappen en Verenigingen (WVV) juncto artikel 25/1 van de Wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in emittenten waarvan aandelen zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt en houdende diverse bepalingen (Transparantiewet)).Het stemrecht verbonden aan aandelen die met vruchtgebruik bezwaard zijn, wordt uitgeoefend door de blote eigenaar (Art.8 en 36 Statuten). Voor wat betreft in pand gegeven aandelen, komt het stemrecht toe aan de eigenaar-pandgever. Houders van warranten en converteerbare obligaties hebben slechts een raadgevende stem op de Algemene Vergadering van aandeelhouders (Art.31 §6 Statuten).

AANDEELHOUDERSOVEREENKOMSTEN

Er bestaan, naar het beste weten van de Raad van Bestuur van de Vennootschap, geen aandeelhoudersovereenkomsten die aanleiding kunnen geven tot beperkingen van overdracht van effecten en/of de uitoefening van het stemrecht.

REGELS VOOR DE BENOEMING EN VERVANGING VAN DE LEDEN VAN HET BESTUURSORGAAN VAN DE VENNOOTSCHAP (ART.16 STATUTEN)

De bestuurders van de Vennootschap worden benoemd door de Algemene Vergadering van aandeelhouders, die hiertoe besluit bij gewone meerderheid van stemmen. Er geldt geen aanwezigheidsquorum voor de benoeming van bestuurders. Wanneer een rechtspersoon wordt benoemd tot bestuurder, dient deze onder haar aandeelhouders, bestuurders of werknemers een vaste vertegenwoordiger aan te stellen die gelast wordt met de uitvoering van de opdracht in naam en voor rekening van de rechtspersoon-bestuurder. Minsten drie (3) leden van de Raad van Bestuur moeten aangeduid worden als “onafhankelijke bestuurder”, welke moeten voldoen aan de criteria zoals bepaald in Artikel 7:87 WVV.

Bestuurders kunnen ten allen tijde, bij gewone meerderheid van stemmen, worden ontslagen door de Algemene Vergadering van aandeelhouders. Voor het ontslag van bestuurders geldt geen aanwezigheidsquorum. De statuten van de Vennootschap voorzien de mogelijkheid tot coöptatie van bestuurders door de Raad van Bestuur indien een plaats van bestuurder openvalt. In dit geval hebben de overblijvende bestuurders het recht om voorlopig in de vacature te voorzien. De eerstvolgende Algemene Vergadering van aandeelhouders beslist over de definitieve benoeming. De nieuw benoemde bestuurder vervolmaakt het mandaat van de bestuurder die hij/zij vervangt.

REGELS VOOR DE WIJZIGING VAN DE STATUTEN VAN DE VENNOOTSCHAP

Enkel de (buitengewone) Algemene Vergadering van de Vennootschap heeft het recht om wijzigingen aan te brengen in de Statuten van de Vennootschap. De Algemene Vergadering van aandeelhouders kan enkel beraadslagen over statutenwijzigingen – met inbegrip van het besluit tot fusie, splitsing en ontbinding – indien de helft van het kapitaal vertegenwoordigd is. Indien aan deze aanwezigheidsvereiste niet is voldaan, dient een nieuwe buitengewone Algemene Vergadering te worden bijeengeroepen die kan beraadslagen ongeacht het vertegenwoordigde kapitaal. Statutenwijzigingen zijn in principe alleen aangenomen indien zij worden goedgekeurd door vijfenzeventig (75%) van de uitgebrachte stemmen. Voor de volgende statutenwijzigingen geldt evenwel een bijzondere meerderheidsvereiste van tachtig procent (80%) van de uitgebrachte stemmen:
- doelwijzigingen (Artikel 7:154 WVV)
- wijziging van de rechtsvorm (Artikel 14:8 WVV)

TOEGESTAAN KAPITAAL

Het kapitaal van de Vennootschap kan verhoogd worden ingevolge een besluit van de Raad van Bestuur, binnen de grenzen van het “toegestaan kapitaal”. Een machtiging hiertoe dient verleend te worden door een buitengewone Algemene Vergadering van aandeelhouders; de duurtijd en het bedrag van deze machtiging zijn beperkt, terwijl de machtiging tevens onderworpen is aan specifieke rechtvaardigingsgronden en doeleinden.

De Bijzondere Algemene Vergadering van 30 mei 2025 heeft besloten tot wijziging van artikel 9 van de statuten, als volgt:

“De raad van bestuur is bevoegd om het kapitaal in één of meer malen te verhogen met een bedrag dat niet hoger mag zijn dan het bedrag van het geplaatst kapitaal overeenkomstig artikel 7:198 ev. van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. De kapitaalverhogingen waartoe krachtens deze machtiging wordt besloten kunnen geschieden overeenkomstig de door de raad van bestuur te bepalen modaliteiten zoals onder meer door middel van inbrengen in geld of in natura binnen de door het Wetboek van vennootschappen en verenigingen toegestane grenzen als door omzetting van reserves en uitgiftepremies, met of zonder uitgifte van nieuwe aandelen, met of zonder stemrecht, of door uitgifte van al dan niet achtergestelde converteerbare obligaties, of door uitgifte van inschrijvingsrechten of van obligaties waaraan inschrijvingsrechten of andere roerende waarden zijn verbonden, of van andere effecten, zoals aandelen in het kader van aandelenoptieplannen en plannen in verband met inschrijvingsrechten, etc. ten behoeve van het personeel van de Vennootschap en haar dochtervennootschappen. De raad van bestuur kan deze bevoegdheid uitoefenen gedurende vijf (5) jaar na de bekendmaking in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van de statutenwijziging waartoe werd besloten door de buitengewone algemene vergadering die deze machtiging heeft verleend. Deze bevoegdheid kan worden hernieuwd overeenkomstig de wettelijke bepalingen. De raad van bestuur wordt tevens bijzonder gemachtigd om, ingeval van openbaar overnamebod op effecten uitgegeven door de vennootschap gedurende een periode van drie (3) jaar die loopt vanaf de buitengewone algemene vergadering die tot deze machtiging heeft besloten, tot kapitaalverhogingen over te gaan in de voorwaarden voorzien door het Wetboek van vennootschappen.

De raad van bestuur kan, in het belang van de vennootschap, binnen de perken en overeenkomstig de voorwaarden voorgeschreven door het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, het voorkeurrecht van de aandeelhouders beperken of opheffen, wanneer een kapitaalverhoging geschiedt binnen de grenzen van het overeenkomstig dit artikel toegestaan kapitaal. Deze beperking of opheffing kan eveneens gebeuren ten gunste van één of meer bepaalde personen. Voor het geval dat naar aanleiding van een kapitaalverhoging beslist door de raad van bestuur of naar aanleiding van de conversie van obligaties of de uitoefening van warrants of van rechten op andere waarden, een uitgiftepremie wordt betaald, zal deze van rechtswege op een onbeschikbare rekening geboekt worden, genaamd “Uitgiftepremie”, die in dezelfde mate als het kapitaal de waarborg voor derden zal uitmaken en waarover, behoudens de mogelijkheid tot omzetting van deze reserve in kapitaal, slechts kan beschikt worden overeenkomstig de voorwaarden voor vermindering van het kapitaal, gesteld door het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. De raad van bestuur is bevoegd, met mogelijkheid tot indeplaatsstelling, na elke kapitaalverhoging tot stand gekomen binnen de grenzen van het toegestane kapitaal de statuten in overeenstemming te brengen met de nieuwe kapitaal- en aandelentoestand en de historiek van het kapitaal aan te vullen.”

Na de inbreng in natura van 30 december 2025 bedraagt het beschikbaar saldo aan toegestaan kapitaal 1.950.216,25 EUR. De hernieuwde machtiging geldt gedurende een periode van vijf jaar na de bekendmaking van deze hernieuwing in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad.

BEVOEGDHEDEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR VOOR WAT BETREFT DE UITGIFTE OF INKOOP VAN AANDELEN VAN DE VENNOOTSCHAP

Het kapitaal van de Vennootschap kan verhoogd worden ingevolge een besluit van de Raad van Bestuur, binnen de grenzen van het “toegestaan kapitaal”. De algemene vergadering heeft momenteel geen besluit genomen tot inkoop van eigen aandelen, noch de raad van bestuur daartoe gemachtigd. Maar in principe zou de vennootschap eigen aandelen kunnen verkrijgen, mits naleving van de wettelijke voorwaarden, na een besluit van een algemene vergadering genomen met inachtneming van de voorschriften inzake quorum en meerderheid vereist voor een statutenwijziging. De raad van bestuur kan anderzijds gemachtigd worden, voor zover de wet dit zou toelaten, met inachtneming van de door de wet bepaalde voorwaarden, om aandelen van de vennootschap voor haar rekening te verkrijgen door inkoop of ruil, of te vervreemden, om te voorkomen dat de vennootschap een dreigend ernstig nadeel zou lijden. Deze bevoegdheid wordt toegekend voor een periode van drie jaar na de bekendmaking van de statutenwijziging beslist door de buitengewone algemene vergadering die deze machtiging heeft verleend. Zij kan verlengd worden overeenkomstig de wettelijke bepalingen ter zake.

OVEREENKOMSTEN TUSSEN DE VENNOOTSCHAP EN HAAR BESTUURDERS OF WERKNEMERS DIE VOORZIEN IN VERGOEDINGEN IN GEVAL VAN ONTSLAGNEMING, ONTSLAG ZONDER GRONDIGE REDEN OF INDIEN HUN TEWERKSTELLING WORDT BEËINDIGD TEN GEVOLGE VAN EEN OVERNAMEBOD

Geen van de overeenkomsten die werden aangegaan met bestuurders van de Vennootschap of haar dochterondernemingen voorziet in een vergoeding (bovenop de normale opzegtermijn) indien zij ontslag nemen, ontslagen worden zonder grondige reden of indien hun tewerkstelling wordt beëindigd ten gevolge van een overnamebod.

BELANGRIJKE OVEREENKOMSTEN

De vennootschap heeft geen belangrijke overeenkomsten die bij een wijziging van controle over de vennootschap zouden wijzigen of vervallen en die een belangrijke impact op haar omzet of resultaat zouden hebben, met uitzondering van de financieringsovereenkomst met Van Zele Holding NV, die deze laatste het recht geeft om vervroegde onmiddellijke terugbetaling van de lening te vragen in geval van een wijziging van controle.

GEBEURTENISSEN DIE EEN INVLOED KUNNEN UITOEFENEN OP DE VERDERE ONTWIKKELING VAN DE GROEP: OVERZICHT VAN RISICO’S EN ONZEKERHEDEN

In overeenstemming met Artikel 3:6 en 3.32 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen moet het jaarverslag van de Raad van Bestuur de belangrijkste risico’s en onzekerheden waarmee de Vennootschap en de Groep geconfronteerd worden omschrijven. De meeste van deze risico’s en onzekerheden worden bepaald door de specifieke evolutie van de markten waarin de Vennootschap en de Groep actief zijn.Uiteraard kan het macro-economisch klimaat ook een impact hebben op de activiteiten van de groep. De Groep ondervindt vooralsnog geen direct negatieve gevolgen van het conflict tussen Rusland en Oekraïne; evenwel zal de dreiging van de wereldwijde handelsoorlog door douanerechtenverhogingen goed worden geëvalueerd. In 2025 bedroeg de totale export van de Groep (uitsluitend binnen Option NV) naar de Verenigde Staten ongeveer 0.5 miljoen € (2024: 1 miljoen €). Verwachting is evenwel dat de introductie van de Cloudgate NXS de export naar de US weer kan doen toenemen; te meer omdat het plan bestaat de assemblage gedeeltelijk in de US te laten uitvoeren, wordt verwacht dat de opportuniteit momenteel groter is dan het risico. Tenslotte ondervindt de Groep voorlopig ook geen hinder van de oorlog in Iran met sluiting van de straat van Hormuz tot gevolg, wegens beperkt gebruik van zeevervoer voor leveringen.

OPTION

In het algemeen wordt deze markt gekenmerkt door snelle, opeenvolgende introducties van nieuwe technologieën. Als een gevolg daarvan is de markt erg dynamisch en moet de Groep reageren op belangrijke en elkaar opvolgende veranderingen. Specifiek worden onderstaande risico’s en onzekerheden vermeld:

Option NV is afhankelijk van derden die draadloze datacommunicatiediensten aanbieden. Als deze diensten niet worden ingezet zoals verwacht, zouden consumenten niet in staat zijn de innovatieve producten van Option NV te gebruiken en zouden de bedrijfsopbrengsten kunnen dalen. De verkoopbaarheid van de producten van de Vennootschap kan schade lijden indien draadloze Telecom operatoren niet voldoende en aanvaardbare draadloze diensten kunnen aanbieden of indien de prijs van zulke diensten te hoog wordt om deze toe te passen voor de massamarkt.

Daar komt bij dat toekomstige groei afhankelijk is van de installatie van de volgende generatie draadloze datanetwerken die zullen geleverd worden door derde partijen, daaronder begrepen netwerken voor welke de Vennootschap thans producten ontwikkelt. Indien deze volgende generatie netwerken niet geïnstalleerd of algemeen aanvaard wordt of indien de installatie vertraagd wordt, dan zal er geen markt zijn voor de producten die de vennootschap ontwikkelt voor deze netwerken.

Indien de Vennootschap de ontwikkeling van haar business niet behoorlijk beheert dan kan de Vennootschap belangrijke druk ervaren op haar operaties en management en ontwrichting van haar activiteiten. Option NV besteedt de assemblage van haar producten uit aan derden en zijn bijgevolg afhankelijk van de ontwikkeling en productiecapaciteit van deze derden en de algemene kwaliteit van hun werk. Als een leverancier of producent zijn verplichtingen tegenover Option NV niet kan nakomen op het gebied van leveringen of productievooruitzichten, kan dit de toekomstige resultaten aantasten.

De afnameverplichtingen op korte termijn tegenover derden-producenten waar Option NV beroep op doet, berusten op de raming van de klant- en marktvraag. Als de werkelijke resultaten afwijken van deze ramingen, door gebrekkige uitvoering door de Vennootschap of ten gevolge van marktomstandigheden, 24 loopt Option NV mogelijk een commercieel risico. Leveranciers kunnen mogelijk stoppen met de levering aan aanvaardbare commerciële voorwaarden van producten aan de Vennootschap.

De producten van Option worden steeds complexer en kunnen fouten of defecten bevatten, die hun aanvaarding in de markt kunnen tegenhouden of verminderen en leiden tot onverwachte kosten of andere negatieve zakelijke gevolgen. De grotere complexiteit van de producten verhoogt het risico op niet-ontdekte fouten en defecten. Als Option NV niet in staat zou zijn nieuwe innovatieve producten te ontwerpen en te ontwikkelen die voldoende commercieel aanvaard worden, is zij mogelijk niet in staat hun onderzoeks- en ontwikkelingsuitgaven te recupereren en is zij mogelijk niet in staat hun marktaandeel te behouden en kunnen de bedrijfsopbrengsten dalen.

De overgang van pure hardware producten verkoop naar de verkoop van complexe draadloze oplossingen, kan een verdere impact hebben, gezien de typische verkoopcyclus voor een hardware product korter is dan deze voor een end-to-end oplossing. De mogelijkheid om nieuwe producten te ontwerpen en te ontwikkelen is afhankelijk van een aantal factoren, waaronder, maar niet beperkt tot de volgende;

  • de mogelijkheid om geschoold technisch personeel aan te trekken en te behouden;
  • de beschikbaarheid van cruciale componenten van derden;
  • de mogelijkheid om de ontwikkeling van producten tijdig te voltooien;
  • de mogelijkheid om producten met een aanvaardbare kostprijs en van een aanvaardbare kwaliteit te produceren.

Indien de huisleveranciers van Option NV op één van deze gebieden mislukken, of indien de ontwikkelde producten er niet in slagen door de markt te worden aanvaard, kan dit betekenen dat Option NV niet in staat is haar onderzoeks- en ontwikkelingsuitgaven te recupereren. Dit kan leiden tot een daling van marktaandeel en bedrijfsopbrengsten. Indien Option NV er niet in zou slagen om succesvol nieuwe en kwalitatief goede producten te ontwikkelen en te verkopen, kan zij belangrijke klanten of productorders verliezen en haar zakelijke activiteit zou kunnen beschadigd worden.

Het is mogelijk dat Option NV niet in staat is om producten te ontwikkelen die overeenstemmen met de voorschriften van regulatoren of beantwoorden aan de eisen die voor een bepaald toestel nodig zijn inzake certificatie voor toelating tot een markt of netwerk. De producten van de Vennootschap moeten voldoen aan de voorwaarden van de overheidsregulatoren. In vele landen is het bijvoorbeeld zo dat vele aspecten van communicatietoestellen geregeld worden, waaronder straling van elektromagnetische energie, biologische veiligheid en regels voor toestellen die op het telefonienetwerk worden aangesloten. De Vennootschap kan niet vooruitlopen op het effect op toekomstige producten van wijzigingen die door binnenlandse of buitenlandse overheden genomen worden. Indien de Vennootschap er niet in slaagt om conform te zijn met bestaande of toekomstige wetgeving of om op tijd goedkeuring te verkrijgen voor haar producten dan kan dit een belangrijk negatief effect hebben op haar financiële toestand, operationele resultaten en kasstromen.

Daar komt nog bij dat nieuwe wetgevende initiatieven de vereisten die aan in de EU ontwikkelde producten worden opgelegd verzwaren, zodat het risico toeneemt dat bestaande producten niet meer aan de regelgeving zouden voldoen, en dat de verplichtingen om nieuwe producten binnen de krijtlijnen van de nieuwe regels te ontwerpen zouden leiden tot disproportionele kosten die een rendabele vermarkting niet langer zouden toelaten.

Option NV kan de vraag van de klanten verkeerd inschatten en daardoor te veel of te weinig van bepaalde producten laten produceren. De beschikbaarheid en verkoop van de afgewerkte producten kan schade lijden indien één van de leveranciers niet kan voldoen aan de vraag- en leveringstermijnen en alternatieve en bruikbare componenten niet voor handen zijn aan redelijke voorwaarden.

De activiteiten van de Vennootschap zijn afhankelijk van haar blijvende mogelijkheid om toegang te krijgen tot de noodzakelijke technologie van derde partijen. Het kan zijn dat de Vennootschap hierop niet langer beroep kan doen ofwel dat de ervoor gevraagde prijs te hoog is. De Vennootschap heeft verschillende licentieovereenkomsten afgesloten met derde partijen voor de ontwikkeling van haar producten. Sommige van deze licentieovereenkomsten hebben geen specifieke termijn en kunnen door de Vennootschap of de andere partij opgezegd worden zonder redenen of indien zich bepaalde feiten 25 voordoen. Er is geen zekerheid dat de Vennootschap in staat zal blijven om deze licentieovereenkomsten aan te houden of dat de technologie zoals beschreven in de licentieovereenkomsten niet zou betwist worden of dat bijkomende licenties tegen een redelijke vergoeding ter beschikking zullen gesteld worden van de Vennootschap. Indien de Vennootschap haar bestaande licentieovereenkomsten niet kan behouden of indien ze geen nieuwe licenties kan verkrijgen voor haar bestaande of toekomstige producten dan kan de Vennootschap verplicht worden om vervangingstechnologie van een lagere kwaliteit te gebruiken, indien die al bestaat, ofwel aan een hogere kostprijs welke de competitieve situatie, inkomsten en vooruitzichten ernstig schaden.

De Vennootschap zou inbreuken kunnen maken op de intellectuele eigendomsrechten van anderen. Derde partijen kunnen beweren dat de producten van de Vennootschap inbreuk plegen op hun intellectuele rechten. Deze claims kunnen aanzienlijke kosten, middelen en managementaandacht vergen en ze kunnen de reputatie van de Vennootschap schaden en negatieve effecten hebben op huidige en toekomstige relaties met klanten of leveranciers. De markten waarin de Vennootschap opereert heeft verschillende deelnemers die intellectuele eigendomsrechten bezitten of hierop aanspraak maken. In het verleden hebben we, en in de toekomst kunnen we, verschillende claims en aanspraken ontvangen van derde partijen die beweren dat onze producten hun intellectuele eigendomsrechten zouden schenden. De Vennootschap kan rechtstreeks aangesproken worden of via vorderingen tot vrijwaring voor de producten die de Vennootschap aan bepaalde klanten leverde. Ongeacht of deze inbreuken al dan niet gegrond zijn, zou de Vennootschap aan het volgende onderworpen kunnen zijn:

  • aansprakelijk worden gesteld voor mogelijke aanzienlijke schade, aansprakelijkheden en procedurekosten, inclusief erelonen van raadslieden;
  • een verbod opgelegd krijgen om nog verder gebruik te maken van intellectuele eigendomsrechten en mogelijks de verkoop van producten, die het voorwerp zijn van de claim, te moeten stopzetten;
  • de nood om een licentieovereenkomst te moeten afsluiten, waarbij een licentievergoeding betaald dient te worden en die commercieel niet of wel aanvaardbaar is.Bovendien is het niet zeker dat het mogelijk is om succesvol te onderhandelen en zulke overeenkomst af te sluiten met de derde partij;
  • de nood om een niet-inbreuk plegend alternatief te moeten ontwikkelen, hetgeen kostelijk en vertragend kan zijn en kan resulteren in een verkoopsverlies. Bovendien is het niet zeker dat dergelijk alternatief mogelijk is;
  • een inbreuk kan veel aandacht, middelen en management tijd vragen;
  • eventuele schadeloosstellingen aan klanten voor bepaalde kosten en schade die zij opgelopen hebben in zulke claim ten gevolge van een inbreuk van de Vennootschap.

Indien de verwachte explosie van de Internet of Things en slimme verlichtingsmarkten zich doorzet, zal het aantal aan internet geconnecteerde toestellen een gigantische groei kennen waardoor ook het risico op hacking en security-incidenten exponentieel zal toenemen. De oplossingen die worden aangeboden zullen voortdurend moeten rekening houden met deze cyberbedreigingen en evolueren telkens er nieuwe risico’s opduiken. Daardoor valt niet uit te sluiten dat de kosten navenant zullen stijgen om de uitgebrachte producten en oplossingen voldoende cyberrisicoproof te maken.

De borging en overdracht van de unieke kennis van het Option engineeringteam vormt een uitdaging, en vraagt voortdurend aandacht in een arbeidsmarkt waarin personen met geschikte competenties relatief schaars zijn. Ten slotte staat en valt de productomzet van Option NV met de beschikking over voldoende werkkapitaal die de vennootschappen in staat stelt tijdig alles bij hun producenten in te kopen en/of vooruit te betalen. Uitstel in aankopen vertraagt de leveringen aan klanten en de ontvangst van opvolgbestellingen waardoor de omzet later of niet komt.

INNOLUMIS

Voor de verdere uitbouw van het zakencijfer zal deze activiteit grotere afzet buiten haar Nederlandse thuismarkt moeten vinden. Dit vereist voldoende middelen om de nodige investeringen te kunnen doen in de gekozen doelmarkten, en een goede inschatting van de barrières die moeten overwonnen worden om succesvol te zijn. Een risico zou kunnen zijn dat de nodige middelen om tot succes te kunnen komen in de gekozen doelmarkten groter zijn dan de opbrengsten die uiteindelijk uit deze markten kunnen worden gehaald.

Voor de aluminium gietonderdelen van haar luminaires is Innolumis afhankelijk van Chinese leveranciers, door de toegenomen macro-economische politieke spanningen zouden deze leveranciers zelf in hun handel kunnen beperkt worden, of zouden importen duurder kunnen worden, wat impact kan hebben op de afzet van Innolumis zelf. Indien deze leveranciers zouden moeten vervangen worden, kan dit extra kosten voor Innolumis met zich brengen.

De aan de gang zijnde beweging van klassieke lichtbronnen naar LED-alternatieven zou kunnen vertragen of versnellen en Innolumis daardoor voor operationele uitdagingen stellen om op deze wijzigingen adequaat in te spelen. Daarbij valt ook niet uit te sluiten dat de marges die op LED-armaturen worden gerealiseerd onder druk zullen komen te staan.

De aannames die Innolumis tot nog toe heeft gedaan met betrekking tot de garantiekosten voor defecte toestellen zouden kunnen herzien worden in geval van bijkomende claims en vastgestelde tekortkomingen in geleverde luminaires. Dit zou een direct kostenverhogend effect met zich kunnen brengen, maar ook een indirect effect op de reputatie en het imago van Innolumis. Ook het succes in behoud en aantrekken van gekwalificeerd personeel zal in de toekomst voor de verdere groei van Innolumis van belang zijn.

SAIT

Binnen de activiteiten van SAIT bestaan de inherente risico’s eigen aan de project business van SAIT BV door haar eindverantwoordelijkheid als integrator van verkochte oplossingen, zonder evenwel altijd de volledige controle te hebben op alle elementen van het totaalproject waarvan een verkochte oplossing deel uitmaakt. Dit verhoogt het risico dat de projecten niet binnen de voorziene tijds- en kostenbestekken kunnen worden opgeleverd.

De draadloze communicatie-oplossingen die SAIT aanbiedt zijn in vele gevallen deel van een groter civiel project (bijv. aanleg van tunnels, oprichting van gebouwen,..). Dit maakt de inschatting wanneer en of SAIT wordt ingeschakeld vrij lastig. Deze cycliciteit maakt efficiënte inzet van de techniekers een voortdurend aandachtspunt, temeer omdat interventies voor 24/7 onderhoudscontracten niet altijd vooraf kunnen ingepland worden. Het risico bestaat zo dat afgesproken service levels niet gehaald worden en de klantentevredenheid navenant afneemt.

Gezien de markt waarbinnen SAIT opereert een specifieke niche is, is het aanbod van medewerkers met de juiste competenties uiterst beperkt. Zo bestaat het risico dat SAIT niet in staat zou zijn de nodige bijkomende effectieven te vinden als zij de groei van haar omzet wil realiseren, en dat de werkdruk op de bestaande werknemers ondraaglijk hoog wordt door het niet vinden van de geschikte profielen.

FINANCIËLE INSTRUMENTEN EN RISICOFACTOREN

(1) Kredietanalyses worden uitgevoerd voor alle klanten die een bepaalde kredietbehoefte overschrijden. Het kredietrisico wordt continu opgevolgd.

(2) Enige wijzigingen aan bestaande IFRS boekhoudregelgevingen of belastingregels of gewoontes kunnen negatieve fluctuaties veroorzaken in de gerapporteerde operationele resultaten van de Vennootschap of de manier waarop de Vennootschap haar zakelijke activiteiten voert.

(3) De Groep is misschien niet in de mogelijkheid om de financiering benodigd voor haar toekomstige kapitaals- en herfinancieringsnoden te dekken. Er is geen garantie dat de financiering, indien nodig, beschikbaar zal zijn en beschikbaar zal zijn aan attractieve voorwaarden. Daarenboven kan iedere schuldfinanciering, indien beschikbaar, voorwaarden bevatten die de vrijheid van de Vennootschap om zaken te doen beperkt en/of zou de Vennootschap in schending kunnen komen onder zulke voorwaarden in welk geval de schuldfinanciering beëindigd kan worden.

(4) Verder kunnen acquisities door de Vennootschap of de verkoop van haar divisies haar zakelijke activiteiten onderbreken en haar financiële toestand en operationele resultaten aantasten.

(5) Het is mogelijk dat de Groep bijkomend kapitaal nodig heeft in de toekomst, en dat dit niet beschikbaar is. Toekomstige financieringen om dergelijk kapitaal te voorzien kunnen het belang van investeerders in de Vennootschap doen verwateren. Elke bijkomende kapitaalronde voor deze of andere doeleinden door de verkoop van bijkomende aandelen kan het belang van Aandeelhouders in de Vennootschap doen verwateren en een invloed hebben op de marktprijs van de Aandelen.

(6) De semesterresultaten van de Vennootschap kunnen in belangrijke mate verschillen van halfjaar tot halfjaar en kunnen bijgevolg de aankoopprijs van de aandelen van de Vennootschap doen fluctueren. De toekomstige resultaten kunnen significant verschillen en kunnen de verwachtingen van de financiële analisten, investeerders en het management overtreffen of niet nakomen.

(7) De Groep heeft een beperkt valutarisico en past geen hedging toe.

RAPPORT IN VERBAND MET HET BEHEER VAN RISICO’S EN INTERNE CONTROLES

De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de beoordeling van risico's die inherent zijn aan de Groep alsook de doeltreffendheid van deze interne controles. Overeenkomstig de Belgische Corporate Governance Code 2020, keurt de Raad ven Bestuur het kader van interne controle en risicobeheer goed, dat wordt voorgesteld door het uitvoerend management, en beoordeelt de implementatie van dit kader.

De organisatie van de Interne controle van de Groep is gebaseerd op de vijf pijlers van het COSO*-2013 raamwerk:
- Controle-omgeving;
- Risico-opvolging;
- Controle-activiteiten;
- Informatie en communicatie;
- Toezichtactiviteiten.

* COSO (Committee of Sponsoring Organizations) is een private, niet-gouvernementele internationale organisatie die erkend is op het vlak van deugdelijk bestuur, interne controle, risicomanagement en financiële rapportering.

Controle-omgeving

De Raad van Bestuur heeft een Auditcomité en een Remuneratiecomité opgericht. Het Auditcomité geeft advies en controleert de financiële verslaggeving van de Groep. Het zorgt voor de aanwezigheid van voldoende interne controlemechanismen en, in samenwerking met de commissaris van de Groep, onderzoekt het vragen met betrekking tot de boekhouding en de waarderingsregels.

De rol van het Remuneratiecomité is te zorgen voor een rechtvaardig beleid in verband met de vergoeding voor werknemers en Uitvoerend Management, alsook om de beste internationale gebruiken te waarborgen welke in acht worden genomen bij het bepalen van verloningen en prestatievergoedingen.

Het Management bepaalt de stijl van leidinggeven en de waarden hieromtrent evenals de vaardigheden en taakomschrijvingen die nodig zijn voor alle functies en taken binnen de organisatie. De Groep heeft het Corporate Governance Charter toegepast en de Raad van Bestuur heeft een “Dealingcode” ingevoerd, welke het gebruik van voorkennis verbiedt betreffende het handelen in financiële instrumenten van Option. De Groep beschikt over een duidelijk organogram, waarin de verschillende entiteiten die tot de Groep behoren zijn opgenomen. Voor alle functies zijn de verantwoordelijkheidsgebieden gedefinieerd.

Risico-opvolging

We verwijzen naar het deel “overzicht van risico’s en onzekerheden” en “financiële instrumenten en risicofactoren” in dit rapport welke de risico’s beschrijven die verband houden met de evolutie van de markt en de business of zakelijke omgeving in welke de Groep opereert.

De Raad van Bestuur en het management bepalen de strategie, het budget en het middellange- tot lange termijn businessplan voor de komende periodes. Tijdens dit proces worden risico's en onzekerheden besproken en worden deze in aanmerking genomen om de strategie van de Groep en het budget verder te finaliseren.De volgende belangrijkste risicocategorieën werden onderscheiden:

Fysieke risico’s

Om een onderbreking in de productie te vermijden heeft de Groep een gedeelte van de productie uitbesteed aan verschillende derden-fabrikanten (hierna ook 'productiepartners' genoemd). Niettemin stelt dit de Groep bloot aan een aantal risico’s en onzekerheden die buiten haar controle liggen. Indien één van deze derden-fabrikanten vertragingen, onderbrekingen, capaciteitsproblemen of kwaliteitsproblemen in zijn productie zou kennen, dan kan de levering van producten aan klanten vertraagd of geweigerd worden en kunnen de klanten opteren om hun aankooporder te schrappen of een boete voor late levering te eisen. De kosten, kwaliteit en beschikbaarheid van productiepartners zijn essentieel voor de succesvolle productie en verkoop van de producten van de Groep. Risico’s met betrekking tot overmacht bij elk punt tijdens de productie of in de toeleveringsketen kunnen leiden tot schade aan onroerende goederen en materiële schade, cyberrisico's en onderbrekingen van de bedrijfsvoering.

Financiële risico’s

We verwijzen naar toelichting 25 van de geconsolideerde jaarrekening voor een gedetailleerde beschrijving van het beheer van de financiële risico’s, zowel op vlak van krediet-, liquiditeits- als marktrisico’s.

Klantenrisico's

Het terugroepen van producten is een geïdentificeerd risico waarmee de Groep zou kunnen worden geconfronteerd. De producten van de Vennootschap zijn technologisch complex, bestaan uit meerdere componenten die aangekocht worden bij verschillende partijen, omvatten een belangrijk 29 hardwarecomponent en een complex softwarecomponent, en moeten voldoen aan strenge industriële voorwaarden, regelgeving en eisen van de klant. De producten die door de Groep worden geproduceerd, kunnen onopgemerkte fouten of gebreken bevatten, vooral wanneer deze voor het eerst worden geïntroduceerd of wanneer nieuwe modellen of versies worden vrijgegeven. De grotere complexiteit van de producten verhoogt het risico op dergelijke fouten. Dit kan leiden tot een afwijzing of het terugroepen van dit specifieke product. De Vennootschap heeft in één van haar afgesloten verzekeringspolissen dit risico tot op zekere hoogte ingedekt.

Leveranciersrisico’s

Kwaliteitsproblemen en de afhankelijkheid van één leverancier voor een specifiek product werden geïdentificeerd als een risico. De beschikbaarheid en de verkoop van afgewerkte producten kunnen schade lijden indien één van deze leveranciers niet kan voldoen aan de vraag- en leveringstermijnen van de Groep en alternatieve en bruikbare componenten niet voorhanden zijn tegen redelijke voorwaarden. Een risico dat recent op de voorgrond is gekomen, betreft de afhankelijkheid van en eventuele schaarste op de componentenmarkt, wat kan leiden tot hogere aankoopprijzen en langere levertermijnen. Dit zou een impact kunnen hebben op de marges voorzien in de plannen van de Vennootschap in het geval dat prijsverhogingen niet kunnen worden doorgerekend aan haar eindklanten, en zou ook voor vertragingen in omzet kunnen zorgen als levertermijnen niet normaliseren.

Organisatorische risico’s

Aangezien de Groep actief is in een snel veranderende en competitieve technologische sector, dienen de strategische pijlers te worden geïdentificeerd en indien nodig te worden herbekeken. Indien de Groep er niet in slaagt succesvol nieuwe producten of diensten te ontwikkelen en te introduceren in zijn productenportefeuille, kan de Groep belangrijke klanten of productbestellingen verliezen en kunnen daardoor de activiteiten van de Groep worden beïnvloed. Wanneer de Groep nieuwe producten of nieuwe versies van zijn bestaande producten of diensten introduceert, kunnen de huidige klanten de technologische vernieuwingen van deze producten niet nodig hebben of niet willen, en kunnen ze die mogelijk niet kopen of kopen in kleinere hoeveelheden dan de Vennootschap had verwacht. Net als de snel veranderende technologieën zou dit kunnen leiden tot een kortere levenscyclus van de producten. De Groep heeft verschillende ondersteunende softwarepakketten die worden gebruikt voor het beheer van haar activiteiten. Een storing zou kunnen leiden tot een grote impact met betrekking tot de financiële gegevens, stamgegevens, het toezicht op de productie, inkoop- en verkoopstromen.

CONTINUÏTEIT

Op 31 december 2025 heeft de Groep een positief eigen vermogen van k€ 681. De beperkte kaspositie per eind van het boekjaar van k€ 443 bleef ongeveer op hetzelfde niveau als de k€ 369 op datum van 31 december 2024. De bruto financiële schuld bedroeg eind 2025 k€ 1 343 (2024: k€ 2 741) en de schuld aan verbonden partijen eind 2025 k€ 1.780 (2024: k€ 3.790).

De enkelvoudige jaarrekening toont een positief eigen vermogen van k€ 1 400; de kaspositie eind van het jaar bedraagt k€ 24. De bruto financiële schuld bedraagt k€ 1.922 en is sterk verbeterd t.o.v van vorig boekjaar (2024: k€ 4 500). Dit is te danken aan de aflossing van de Belfius kredietlijn ten belope van k€ 1.500 en de terugbetaling van de BLCC lening ten belope van k€ 500 gefinancierd middels stortingen van VZH resulterend in een toename van de kredietlijn in rekening courant van VZH. Vervolgens heeft VZH een groot deel van haar vordering voor een bedrag van k€ 3.784 ingebracht in het kapitaal.

Anderzijds zijn onze leveranciersschulden meer dan in een normale verhouding toegenomen. Dit is toe te schrijven aan de grote vertraging op de leveringen van de Cloudgates door onze toeleverancier. 30 Hierdoor konden ongeveer k€ 700 orders van klanten niet in 2025 worden uitgeleverd. Door die gemiste inkomsten zijn de schulden aan onze leveranciers weer toegenomen.

In het kader van de beoordeling van de continuïteit heeft de Groep en de Vennootschap een kasstroomplanning opgemaakt welke ten minste de periode dekt van 1 januari 2026 tot en met 30 juni 2027. Deze kasstroomplanning is opgemaakt aan de hand van het door de Raad van Bestuur goedgekeurde business plan en houdt rekening met alle uitstaande verplichtingen die de Groep en de Vennootschap hebben binnen de periode van de kasstroomplanning, inclusief afbetalingsplannen met leveranciers en overheden.

Deze kasstroomplanning toont een financiële behoefte van ca. k€ 2 200 voor de Groep en Option NV tijdens de eerste jaarhelft van 2026, grotendeels nodig voor het betalen van belangrijke leveranciers- en RSZ schulden waarvoor er afbetalingsplannen zijn. Voor die behoefte van k€ 2 200 werd reeds k€ 580 verstrekt door VZH in de loop van het eerste kwartaal 2026 en voor het saldo van k€ 1 600 zijn er verbintenissen van VHZ en van andere verbonden partijen om die middelen te verstrekken.

De kasstroomplanning wijst aan dat vanaf juli 2026 een additionele behoefte zal zijn aan een kredietlijn tussen de k€ 500 en k€ 1 000 voor de financiering van de verwachte groei van het werkkapitaal. Immers wordt verwacht dat met de lancering van de nieuwe producten de Cloudgate NXS en de Cloudgate Probe de omzet sterk zal stijgen vanaf de tweede jaarhelft van 2026. Banken zullen aangesproken worden om daarvoor een kredietlijn te verstrekken zonder dat hierover op heden concrete toezeggingen bestaan.

De belangrijkste gebeurtenissen en omstandigheden welke wijzen op het bestaan van een onzekerheid van materieel belang die significante twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep en de Vennootschap om haar continuïteit te handhaven zijn de volgende:

  1. Het realiseren van het business plan voor de periode van de kasstroomplanning. De grootste onzekerheid met betrekking tot de realisatie van het businessplan bevindt zich bij Option NV. Dit businessplan is ambitieus en gaat uit van het succes van de nieuwe producten en de potentiële omzet ervan die nog gerealiseerd kunnen worden in de tweede jaarhelft van 2026 en verder. Dit moet een turnaround tot stand brengen in overeenstemming met de strategische heroriëntatie van de Groep en de Vennootschap welke niet gerealiseerd kon worden in de voorbije jaren. Niettegenstaande dat klanten positief reageren op onze nieuwe producten is dit enthousiasme geen garantie tot voldoende omzetresultaten. Tekorten in de realisatie van de business plannen geven aanleiding tot een werkkapitaalpositie welke onder druk blijft staan gezien de krappe liquiditeitspositie en dus nood aan additionele financiering.

  2. Het kunnen behouden van de huidige financiering via VZH (welke EUR 1,6 mio bedraagt op jaareinde en verder is toegenomen tot EUR 2,2 mio in April 2026) en het effectief verkrijgen van de door VZH en verbonden partijen toegezegde bijkomende financiering van k€ 1 600 alsook het kunnen verkrijgen van een kredietlijn tussen de k€ 500 en k€ 1 000 voor de financiering van het werkkapitaal. Gezien de historiek van Option NV is er geen garantie dat kredietlijnen bij banken zullen mogelijk zijn. Mogelijkerwijs zal dat enkel kunnen gefaciliteerd worden middels garantiestellingen door VZH wederom.

Concluderend kunnen we stellen dat de Groep en de Vennootschap, voor wat betreft financiering, in grote mate afhankelijk blijven van haar referentie aandeelhouder Van Zele Holding NV en de toezegging van andere verbonden partijen om de noodzakelijke middelen te verstrekken. De Raad van Bestuur is van mening dat, op korte termijn de continuïteit van de Groep verzekerd blijft door de verwachte blijvende steun van Van Zele Holding NV, en op middellange termijn, moest de uitvoering van de businessplannen vertraging oplopen, de Groep en de Vennootschap in de mogelijkheid is bijkomende middelen aan te trekken door de verkoop van één van haar participaties. 31 Indien de realisatie van het budget voor volgend boekjaar alsook de businessplannen voor de jaren nadien achterblijft, zorgt dit voor de nood aan bijkomende financiering, die op dit moment nog niet geformaliseerd is.Deze situatie wijst op het bestaan van een bijkomende materiële onzekerheid inzake de mogelijkheid van zowel de Groep als de Vennootschap om haar continuïteit te handhaven en dat daardoor de Groep en de Vennootschap mogelijk niet in staat zal zijn om haar continuïteit te handhaven en dat daardoor de Groep en de Vennootschap niet in staat zal zijn, in het kader van de normale bedrijfsvoering, haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. De Raad van Bestuur is van mening dat de Groep en de Vennootschap in staat zal zijn om bovenstaande gebeurtenissen en omstandigheden succesvol te beheren. Het heeft dan ook vertrouwen in de opgemaakte plannen en de daaraan gelinkte kasstroomprojecties waardoor dat zij van oordeel is dat zowel de geconsolideerde jaarrekening van de Groep als de enkelvoudige jaarrekening van Option NV in continuïteit opgemaakt kunnen worden.

Controle-activiteiten

De controle activiteiten omvatten de maatregelen die zijn genomen door de Groep om ervoor te zorgen dat de voornaamste risico's welke werden geïdentificeerd, worden beheerst of beperkt. De Groep beheert haar risico met betrekking tot overmacht, zijnde schade aan onroerend goed, materiële schade, onderbreking van de bedrijfsvoering, cyber risico's, door het aangaan van verzekeringsovereenkomsten ter dekking van dergelijke risico's. Vóór de commercialisering van haar producten, voert de Groep de nodige tests uit om het niveau van technische goedkeuring te bereiken. Om de best mogelijke kwaliteitsstandaarden tijdens de productie te garanderen, heeft de Vennootschap in-house eigen test- en kalibratie systemen ontwikkeld. Deze systemen worden gebruikt bij de productie van de meeste producten van de Vennootschap. De in-house ontwikkelde systemen laten de Vennootschap toe om de kwalitatieve parameters die worden gebruikt tijdens het productieproces, welke plaatsvindt in de fabriek van de onderaannemers van de Vennootschap, te controleren. De testresultaten worden automatisch opgeladen in een database van de Vennootschap, welke haar toelaat om de productiegeschiedenis van deze producten te controleren en na te kijken. Bovendien heeft de Groep een specifiek verzekeringscontract afgesloten, welke alle externe kosten als gevolg van een mogelijke terugroep (recall) risico dekt. De Groep heeft haar strategische pijlers geïdentificeerd. Om de veranderende marktomstandigheden het hoofd te bieden hebben de Raad van Bestuur en het Management een aantal strategische vergaderingen gehouden met als doel de verdere strategie van de Groep te bepalen. De levenscyclus van de producten wordt nauwlettend opgevolgd. Om de continuïteit van de ERP-systemen te garanderen, worden op een regelmatige basis back-ups gemaakt. Een belangrijk element om de activiteiten te controleren is de jaarlijkse budget oefening waarbij strategie, risico's, businessplannen en beoogde resultaten worden getest. De prestaties ten opzichte van de doelen worden maandelijks opgevolgd door het Finance team en worden besproken tijdens vergaderingen van het Management.

Informatie en communicatie

Om betrouwbare financiële informatie te garanderen werd een gestandaardiseerd informatie- uitwisseling proces gedefinieerd, welke consistent is voor alle entiteiten die tot de Groep behoren. Deze proces flow omvat de specifieke taken die moeten worden uitgevoerd door alle entiteiten met betrekking tot elke maandelijkse afsluiting, alsmede de vooropgestelde deadlines. De financiële informatie wordt op geregelde basis voorgesteld aan de Raad van Bestuur. De informatie, welke op regelmatige tijdstippen wordt gedeeld met het personeel, is niet beperkt tot een financiële update, maar bevat ook zakelijke updates en in het geval dit nodig blijkt, strategische updates.

Toezichtactiviteiten

32 Het toezicht gebeurt door de Raad van Bestuur door middel van de activiteiten en verantwoordelijkheden van het Auditcomité. Het Auditcomité beoordeelt en bespreekt de tussentijdse financiële afsluitingen op basis van een presentatie van het financieel Management van de Groep. Notulen van de vergadering worden voorbereid met inbegrip van een opvolging van actiepunten. Gezien de structuur en de huidige omvang van de Groep, is er geen interne auditfunctie.

BESTEMMING VAN HET NIET-GECONSOLIDEERDE RESULTAAT

De enkelvoudige jaarrekening van Option NV (Belgische boekhoudnormen) heeft over 2025 een nettoverlies geleden van k€ - 4 632. De Raad van Bestuur stelt voor om dit niet-geconsolideerde nettoverlies over te dragen naar het volgend boekjaar. 33

VERKLARING

De Raad van Bestuur verklaart, naar het beste van haar kennis, het volgende:
- de financiële staten werden voorbereid in overeenstemming met de toepasselijke boekhoudkundige standaarden en geven een ware en getrouwe weergave van de activa, de passiva, de financiële positie en de winst of het verlies van de Vennootschap en van haar componenten, inclusief de consolidatie als een geheel;
- het jaarverslag bevat een getrouw overzicht van de ontwikkeling en de prestaties van het zaken doen en de positie van de Vennootschap en haar componenten, inclusief de consolidatie als een geheel, samen met een beschrijving van de belangrijke risicofactoren en onzekerheden die ze ondervinden.

Leuven, 28 april 2026
De Raad van Bestuur 34

3. FINANCIEEL VERSLAG – IFRS

3.1. Geconsolideerde Jaarrekening

3.1.1. Geconsolideerde Resultatenrekening 35

Voor het boekjaar afgesloten op 31 december Toelichting 2025 2024*
In duizend EUR, behalve gegevens per aandeel
Voortgezette bedrijfsactiviteiten
Opbrengsten 4 9 227 9 954
Kostprijs verkochte goederen 5 ( 5 465) ( 6 149)
Brutowinst 3 762 3 805
Overige opbrengsten 4 347 415
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten 5 ( 803) ( 876)
Kosten van verkoop, marketing en royalty’s 5 ( 1 195) ( 1 172)
Algemene en administratieve kosten 5 ( 3 015) ( 3 113)
Totale bedrijfskosten ( 5 013) ( 5 161)
Bedrijfsverlies ( 904) ( 941)
Aandeel in het resultaat van investeringen verwerkt 14 ( 129) -
volgens de vermogensmutatiemethode, na belastingen
Financiële kosten 7 ( 624) ( 846)
Financiële opbrengsten 7 104 81
Financieel resultaat ( 520) ( 765)
Verlies vóór belastingen ( 1 553) ( 1 706)
Belastingen 8 81 ( 10)
Nettoverlies van de periode uit voortgezette activiteiten ( 1 472) ( 1 716)
Beëindigde bedrijfsactiviteiten
* Verlies uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 15 ( 482) ( 1 299)
Nettoverlies van de periode ( 1 954) ( 3 015)
Verlies per aandeel
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen 1 997 031 752 1 994 069 717
Verwaterd gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen 1 997 031 752 1 994 069 717
Resultaat per aandeel voor verwatering uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 23 (0,00) (0,00)
Resultaat per aandeel na verwatering uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 23 (0,00) (0,00)

36

Voor het boekjaar afgesloten op 31 december Toelichting 2025 2024*
In duizend EUR, behalve gegevens per aandeel
Resultaat per aandeel voor verwatering 23 (0,00) (0,00)
Resultaat per aandeel na verwatering 23 (0,00) (0,00)

De bijgevoegde toelichtingen 1 t.e.m. 31 vanaf pagina 43 t.e.m pagina 137 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde resultatenrekening.
* We verwijzen naar Toelichting 15 betreffende de beëindigde bedrijfsactiviteiten van de Remoticom subgroep. Als gevolg van deze classificatie werden de resultaten van de Remoticom subgroep in zowel het huidig als het voorgaand boekjaar gepresenteerd op één afzonderlijke lijn “Beëindigde bedrijfsactiviteiten”. De vergelijkende cijfers werden dienovereenkomstig aangepast. Bovendien omvatte de “Beëindigde bedrijfsactiviteiten” in vorig boekjaar eveneens 2Invision subgroep dewelke toen al werden geclassificeerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten zoals vermeld in Toelichting 15. 37

3.1.2. Geconsolideerd Totaalresultaat

Voor het boekjaar afgesloten op 31 december Toelichting 2025 2024
In duizend EUR
Nettoverlies ( 1 954) ( 3 015)
Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
Componenten die later mogelijks kunnen opgenomen worden in de resultatenrekening
Wisselkoersverschillen op buitenlandse activiteiten ( 3) ( 5)
Componenten die later niet zullen opgenomen worden in de resultatenrekening
Herwaardering van toegezegde-pensioenregelingen - 28
Niet-gerealiseerde resultaten voor de periode (netto van belastingen) ( 3) 23
Totale gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode ( 1 957) ( 2 992)
Totale gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode toewijsbaar aan:
Aandeelhouders van de moeder ( 1 957) ( 2 992)
Minderheidsbelangen - -

De bijgevoegde toelichtingen 1 t.e.m. 31 vanaf pagina 45 t.e.m pagina 116 maken integraal deel uit van dit geconsolideerd totaalresultaat. 38

3.1.3. Geconsolideerde Balans

31 december 2025 31 december 2024
In duizend EUR Toelichting
Activa
Goodwill 9 2 929
Immateriële vaste activa 10 1 090
Materiële vaste activa 11 1 312
Investeringen in geassocieerde ondernemingen 14 632
Overige vorderingen 16 84
Uitgestelde belastingvorderingen 8 213
Vaste activa 6 260
Voorraden 17 962
Handels- en overige vorderingen 16 1 910
Geldmiddelen en kasequivalenten 18 443
Belastingvorderingen -
Vlottende activa 3 315
Totaal activa 9 575

39

31 december 2025 31 december 2024
In duizend EUR Toelichting
Verplichtingen en eigen vermogen
Geplaatst kapitaal 22 1 950
Uitgiftepremies 22 3 368
Overige reserves 22 ( 2 310)
Overgedragen resultaat 22 ( 2 327)
Totaal eigen vermogen 681
Financiële schulden 19 929
Schulden met verbonden partijen 32 993
Handels- en overige schulden 21 774
Voorzieningen 20 542
Uitgestelde belastingschulden 8 -
Langlopende verplichtingen 3 238
Financiële schulden 19 414
Schulden met verbonden partijen 32 787
Handels- en overige schulden 21 4 452
Voorzieningen 20 -
Te betalen belastingen 8 3
Kortlopende verplichtingen 5 656
Totaal verplichtingen en eigen vermogen 9 575

De bijgevoegde toelichtingen 1 t.e.m.32 vanaf pagina 45 t.e.m. pagina 133 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde resultatenrekening.

40

3.1.4. Geconsolideerd Kasstroomoverzicht

Voor het boekjaar afgesloten op 31 december Toelichting 2025 2024
In duizend EUR
Bedrijfsactiviteiten
Nettoverlies van de periode uit de voorgezette activiteiten * (1 472) (1 716)
Verlies uit beëindigde bedrijfsactiviteiten * (482) (1 299)
Nettoresultaat (a) (1 954) (3 015)
Afschrijvingen op immateriële vaste activa 5 / 10 620 850
Afschrijvingen op materiële vaste activa en recht-op-gebruik activa 5 / 11 443 713
Bijzondere waardeverminderingen op immateriële vaste activa 9 / 10 - 1 959
Verlies / (winst) uit de verkoop van materiële vaste activa en recht-op-gebruik activa - (10)
Aandeel in het verlies van geassocieerde deelnemingen 15 129 -
(Terugname van) waardeverminderingen op vlottende en niet vlottende activa 16 / 17 (144) (28)
Verlies / (Winst) op verkoop van dochtervennootschappen 15 / 9 (292) (710)
Toename / (afname) in voorzieningen 22 64 -
Niet-gerealiseerde wisselkoers verliezen / (winsten) (5) (12)
Financiële (opbrengsten) kosten 7 581 843
Belastingkost / (opbrengst) 8 (100) 65
Overige - (60)
Totaal (b) 1 254 3 674
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten voor mutaties in bedrijfskapitaal (c)=(a)+(b) (700) 659
Afname / (toename) in voorraden 456 188
Afname / (toename) van handels- en overige vorderingen 567 (1 505)
Toename / (afname) van handels- en overige schulden (550) (1 187)
Toename / (afname) van uitgestelde opbrengsten 52 (442)
Aanwending van voorzieningen 20 (29) (54)
Totaal van de mutaties in bedrijfskapitaal (d) 496 (3 000)
Betaalde interesten (e) (548) (720)
Betaalde belastingen (f) (185) (23)
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten (g)=(c)+(d)+(e)+(f) (937) (3 084)

41

Investeringsactiviteiten
Verwerving van materiële vaste activa 11 (145) (44)
Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste activa - 5
Verwerving van immateriële vaste activa 10 (251) (398)
Inkomsten uit de verkoop van dochtervennootschappen 15 143 6 284
Kasstroom uit investeringsactiviteiten (h) (253) 5 847
Financieringsactiviteiten
Ontvangsten uit leningen 19 3 907 1 190
Aflossingen van leningen 19 (2 229) (3 508)
Aflossingen van leasingschulden 12 / 19 (386) (507)
Overige bankkosten (28) (53)
Aankoop van minderheidsbelang 15 / 9 - (65)
Kasstroom verstrekt / (gebruikt) uit financieringsactiviteiten (i) 1 264 (2 943)
Netto toename/(afname) van liquide middelen = (g)+(h)+(i) 74 (180)
Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het boekjaar 18 369 549
Geldmiddelen en kasequivalenten op het einde van het boekjaar 18 443 369

De bijgevoegde toelichtingen 1 t.e.m. 31 vanaf pagina 43 t.e.m. pagina 137 maken integraal deel uit van dit geconsolideerd kasstroomoverzicht.

  • We verwijzen naar Toelichting 15 betreffende de beëindigde bedrijfsactiviteiten van de Remoticom subgroep. Als gevolg van deze classificatie werden de resultaten van de Remoticom subgroep in zowel het huidig als het voorgaand boekjaar gepresenteerd op één afzonderlijke lijn “Beëindigde bedrijfsactiviteiten”. De vergelijkende cijfers werden dienovereenkomstig aangepast. Bovendien omvatte de “Beëindigde bedrijfsactiviteiten” in vorig boekjaar eveneens 2Invision subgroep dewelke toen al werden geclassificeerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten zoals vermeld in Toelichting 15.

42

3.1.5. Geconsolideerde Staat van Wijzigingen in het Eigen Vermogen

43

In duizend EUR Toelichting Geplaatst kapitaal Uitgifte-premies Op aandelen gebaseerde betalingen Valutakoers verschillen Kosten van uitgifte Omgekeerde overname reserve Overgedragen resultaat Totaal Minderheids-belang Totaal eigen vermogen
Op 1 januari 2024 14 090 5 142 113 202 (2 617) (16 092) 983 1 821 26 1 847
Nettoverlies - - - - - - (3 015) (3 015) - (3 015)
Niet-gerealiseerde resultaten voor de periode, netto van belastingen - - - (5) - - 28 23 - 23
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode - - - (5) - - (2 987) (2 992) - (2 992)
Transacties binnen het eigen vermogen: verwerving minderheidsbelang 2 Invision Managed Services België NV - - - - - - 26 26 (26) -
Op 31 december 2024 14 090 5 142 113 197 (2 617) (16 092) (1 978) (1 145) - (1 145)
Nettoverlies - - - - - - (1 954) (1 954) - (1 954)
Niet-gerealiseerde resultaten voor de periode, netto van belastingen - - - (3) - - - (3) - (3)
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode - - - (3) - - (1 954) (1 957) - (1 957)
Kapitaalvermindering door incorporatie uitgiftepremies 22 5 141 (5 141) - - - - - - -

44

In duizend EUR Toelichting Geplaatst kapitaal Uitgifte-premies Op aandelen gebaseerde betalingen Valutakoers verschillen Kosten van uitgifte Omgekeerde overname reserve Overgedragen resultaat Totaal Minderheids-belang Totaal eigen vermogen
Kapitaalvermindering door incorporatie verliezen 22 (17 697) - - - - - 17 697 - - -
Kapitaalverhoging door inbreng in natura 22 416 3 367 - - - - - 3 783 - 3 783
Op 31 december 2025 1 950 3 368 113 194 (2 617) (16 092) 13 765 681 - 681

De bijgevoegde toelichtingen 1 t.e.m. 31 vanaf pagina 43t.e.m pagina 137 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde staat van wijzigingen in het eigen vermogen.

45

3.2. Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening van Option NV

TOELICHTING 1. Bedrijfsinformatie

Option NV (de “Vennootschap”), opgericht op 3 juli 1986, is de moedervennootschap van een aantal dochternemingen actief in IoT-technologie, smart LED verlichting en integratie diensten. Bij beslissing van de algemene vergadering van 30 december 2025 werd de voorgaande benaming Crescent gewijzigd naar Option. Option NV is een Naamloze Vennootschap (NV) naar Belgisch recht met als maatschappelijke zetel: Geldenaaksebaan 329, 3001 Leuven. De geconsolideerde jaarrekening van Option NV voor het boekjaar dat werd afgesloten op 31 december 2025 omvat Option NV en de bijhorende dochterondernemingen (waarnaar samen wordt verwezen met ‘Option’ of ‘de Groep’). De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur vrijgegeven voor publicatie op 28 april 2026.

TOELICHTING 2. Presentatiebasis

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals gepubliceerd door de International Accounting Standards Board (IASB) en goedgekeurd door de Europese Unie. De geconsolideerde financiële rekeningen worden weergegeven in euro’s en alle waarden zijn afgerond tot het dichtstbij zijnde duizendtal (€ 000), tenzij anders vermeld.

46

TOELICHTING 3. Materiële boekhoudprincipes

RELEVANTE STANDAARDEN EN INTERPRETATIES DIE VAN TOEPASSING ZIJN VANAF HET HUIDIGE BOEKJAAR
Lijst van standaarden en interpretaties toepasbaar voor het boekjaar beginnend op 1 januari 2025:
• Wijzigingen aan IAS 21 ‘De effecten van wijzigingen in wisselkoersen: gebrek aan uitwisselbaarheid’
De toepassing van de vermelde aangepaste standaarden en interpretaties die van toepassing zijn voor boekjaren beginnend vanaf 1 januari 2025 hebben geen significante impact op de geconsolideerde financiële cijfers van de Groep gehad.

RELEVANTE STANDAARDEN EN INTERPRETATIES DIE VAN TOEPASSING ZIJN NA HET HUIDIGE BOEKJAAR
De Groep heeft ervoor gekozen om de volgende nieuwe Standaarden, Interpretaties en Wijzigingen, uitgevaardigd door het IASB en het IFRIC, die nog niet verplicht en/of onderschreven waren door de EU voor 31 december 2025, maar dewelke een mogelijks betekenisvolle impact kunnen hebben, niet vroegtijdig toe te passen:
• Wijzigingen aan IAS 21 ‘De gevolgen van wisselkoerswijzigingen: Omrekening naar een presentatievaluta met hyperinflatie (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2027, maar nog niet bekrachtigd in de EU).
• IFRS 18 Presentatie en informatieverschaffing in de jaarrekening (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2027 en bekrachtigd in de EU)
• IFRS 19 Dochterondernemingen zonder publieke verantwoording - Informatieverschaffing (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2027, maar nog niet bekrachtigd in de EU)
• Aanpassing van IFRS 9 en IFRS 7 Classificatie en waardering van financiële instrumenten (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2026 en bekrachtigd in de EU)
• Jaarlijkse verbeteringen - Volume 11 (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2026 en goedgekeurd in de EU)

De Groep verwacht dat deze wijzigingen geen materiële impact zullen hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep, behalve IFRS 18, de nieuwe standaard voor presentatie en toelichting in de jaarrekening, met de nadruk op aanpassingen van de winst- en verliesrekening. IFRS 18 zal IAS 1 vervangen; veel van de bestaande principes in IAS 1 worden behouden, met beperkte wijzigingen. IFRS 18 zal geen invloed hebben op de opname of waardering van posten in de jaarrekening, maar kan wel posten toevoegen of de presentatie binnen de winst-en-verliesrekening wijzigen. Aanvullende vereisten voor prestatiemaatstaven voor het management en samenvoeging of opsplitsing kunnen invloed hebben op de toelichtingen zoals gepresenteerd in de jaarrekening. IFRS 18 is van toepassing op verslagperioden die beginnen op of na 1 januari 2027 en is ook van toepassing op vergelijkende informatie. De Groep voorziet op dit moment geen vervroegde toepassing. De wijzigingen in de presentatie en toelichting zoals vereist door IFRS 18 vereisen mogelijk systeem- en proceswijzigingen en de Groep zal de impact hiervan de komende jaren beoordelen. De Groep heeft ervoor gekozen om geen van deze standaarden of interpretaties voorafgaand aan hun inwerkingtreding toe te passen.

47

CONSOLIDATIEPRINCIPES
De geconsolideerde jaarrekening omvat de jaarrekeningen van alle dochterondernemingen die door de Groep worden gecontroleerd. Een overzicht van alle geconsolideerde entiteiten wordt weergegeven in toelichting 29.Een onderneming wordt volledig geconsolideerd vanaf de datum van acquisitie, welke de datum is wanneer de Groep de controle verwerft, en wordt zolang geconsolideerd tot de Groep de controle verliest. Controle bestaat wanneer de Groep onderhevig is aan, of rechten heeft op, de variabele rendementen vanuit haar betrokkenheid bij de onderneming en wanneer de Groep de mogelijkheid heeft om deze rendementen te beïnvloeden vanuit haar zeggenschap over de onderneming. De Groep heeft controle over een onderneming als en alleen als de Groep:

• Zeggenschap heeft over de onderneming (zoals vanuit bestaande rechten welke de Groep de mogelijkheid geven om de relevante activiteiten van de onderneming te sturen);
• Onderhevig is aan, of rechten heeft op, de variabele rendementen vanuit haar betrokkenheid bij de onderneming;
• De mogelijkheid heeft om haar zeggenschap te gebruiken over de onderneming om de rendementen te beïnvloeden.

Een verandering in het deelnemingspercentage van een dochteronderneming, zonder de zeggenschap te verliezen, wordt verwerkt als een eigen vermogen transactie. Als de Groep de controle verliest over een dochteronderneming, dan worden de activa en verplichtingen en het eventuele minderheidsbelang uitgeboekt en de reële waarde van de ontvangen betaling en de resterende investering geboekt waarbij het verschil in de geconsolideerde resultatenrekening in de lijn verlies uit beëindigde bedrijfsactiviteiten wordt erkend.

Alle transacties tussen de ondernemingen van de Groep, alle balansen en alle niet-gerealiseerde winsten op transacties tussen groepsondernemingen, worden bij consolidatie geëlimineerd. Niet-gerealiseerde verliezen worden ook geëlimineerd op dezelfde manier als niet-gerealiseerde winsten tenzij een bijzondere waardevermindering van toepassing is op het actief dat onderwerp is van de transactie. De boekhoudprincipes van dochterondernemingen worden in lijn gebracht met die van de Groep om de consistentie te verzekeren in de rapportering.

48 BOEKHOUDKUNDIGE BEOORDELINGEN, RAMINGEN EN VERONDERSTELLINGEN

Beoordelingen, ramingen en veronderstellingen gemaakt door het management en de toepassingen onder IFRS, welke een belangrijke impact hebben op de bedragen opgenomen in de financiële rekeningen met een belangrijk risico op wijzigingen in het volgende jaar, worden hierna omschreven. De ramingen en veronderstellingen zijn gebaseerd op de informatie welke beschikbaar was op het ogenblik dat de geconsolideerde jaarrekening wordt voorbereid. Deze informatie kan in de toekomst wijzigen als gevolg van veranderingen in de markt of omstandigheden welke buiten de controle van de Groep vallen. Deze wijzigingen op de boekhoudkundige assumpties worden opgenomen in de periode waarin de herziening heeft plaatsgevonden.

Boekhoudkundige beoordelingen

Continuïteit

Toelichting 31 Onzekerheden geeft bijkomende informatie over de onzekerheden met betrekking tot de continuïteit van de Groep en de Vennootschap alsook over de continuïteitsveronderstelling waarmee de cijfers werden opgemaakt.

Beoordelingen bij de toerekening en verantwoording van opbrengsten

Het beleid voor omzetverantwoording vereist dat het management aanzienlijke beoordelingen maakt. Het management analyseert verschillende factoren, waaronder een beoordeling van specifieke transacties, historische ervaring, kredietwaardigheid van klanten en de huidige markt- en economische omstandigheden. Veranderingen in beoordelingen op basis van deze factoren kunnen van invloed zijn op de timing en het bedrag van de opbrengsten en kosten die worden erkend, en dus op de bedrijfsresultaten en financiële toestand van de Groep.

De significante schattingen en beoordelingen hebben voornamelijk betrekking op:
- De beoordeling of een prestatieverplichting onderscheiden is bij gebundelde verkooptransacties; en
- Het stadium van voltooiing van de installatieprojecten voor klanten wanneer de omzeterkenning over tijd gebeurt.

De Groep maakt beoordelingen bij het bepalen of een prestatieverplichting onderscheiden moet worden van overige prestatieverplichtingen in een contract, met name:
- wanneer het goed of de dienst een voordeel heeft voor de klant op zichzelf of samen met andere onmiddellijk beschikbare middelen; en/of
- wanneer het goed of de dienst in hoge mate gerelateerd is met, of een significante input is voor andere goederen en diensten die worden beloofd; of
- wanneer het goed of de dienst in belangrijke mate een ander goed of dienst aanpast.

De Groep bepaalt het stadium van voltooiing van een installatieproject dat over tijd wordt vervuld, door de tot nu toe gemaakte uur- en materiaalkosten te vergelijken met de geschatte totale uur- en materiaalkosten die nodig zijn om het project te voltooien. De uur- en materiaalkost wordt beschouwd als de meest betrouwbare, beschikbare maatstaf voor de voortgang van het project. Aanpassingen aan te maken schattingen worden gemaakt in de perioden waarin feiten die tot een wijziging leiden bekend worden. Wanneer de schatting aangeeft dat er verlies zal worden geleden, wordt dit verlies in de vastgestelde periode in de resultatenrekening opgenomen. Significante ramingen en veronderstellingen zijn inherent bij het bepalen van het voltooide percentage van elk project. Verschillende aannames zouden materieel verschillende resultaten kunnen opleveren.

49 Beëindigde bedrijfsactiviteiten

Remoticom

Het management heeft beoordeeld dat Remoticom per 30 juni 2025 kwalificeerde voor classificatie als een groep van activa aangehouden voor verkoop in overeenstemming met IFRS 5.6–5.12. Deze beoordeling was gebaseerd op de beschikbaarheid voor onmiddellijke verkoop, de formele beslissing en actieve betrokkenheid van het management bij het verkoopproces, en de inschatting dat de verkoop hoogstwaarschijnlijk was. De verkoop van Remoticom werd eind augustus 2025 gerealiseerd waarbij de Groep 51% van de aandelen verkocht en oordeelt dat de controle over Remoticom-subgroep werd verloren. Bijgevolg werd Remoticom-subgroep nog voor 8 maanden mee geconsolideerd in het geconsolideerd resultaat van 2025. Voor de resterende aangehouden 49% heeft de Groep overeenkomstig IFRS 12 en IAS 28 geoordeeld dat zij, ondanks het ontbreken van controle of gezamenlijke controle, wel een aanmerkelijke invloed uitoefent op Remoticom Holding BV. Bijgevolg wordt de deelneming vanaf de datum van verlies van zeggenschap verwerkt als een geassocieerde deelneming volgens de equity‑methode, zoals voorgeschreven door IAS 28. Deze verwerking is uitsluitend gebaseerd op het actuele eigendomsbelang en houdt geen rekening met potentiële stemrechten uit niet‑uitoefenbare opties. Zie Toelichting 15 voor verdere toelichting. Daarnaast heeft het management geoordeeld dat Remoticom een afzonderlijke en belangrijke bedrijfsactiviteit vertegenwoordigde, waardoor de resultaten in de resultatenrekening werden gepresenteerd als “beëindigde bedrijfsactiviteiten”.

2Invision

Vanaf 31 december 2023 werden beide 2Invision-dienstenbedrijven (2invision Managed Services NL en 2invision Managed Services BE, verder 2Invision) beschouwd als disposal groep gelet op de intentie van de Groep om over te gaan tot verkoop van de 2Invision vennootschappen, zoals werd besproken in het bestuursorgaan in december 2023. De beoordeling van ‘beëindigde bedrijfsactiviteit’ werd gedaan, rekening houdend met het feit dat 2Invision het merendeel omvatte van het Services-segment alsook een kas genererende eenheid is van de Groep en derhalve wordt beschouwd als belangrijke bedrijfsafdeling, waardoor bij toepassing van IFRS 5, 2Invision in de reikwijdte valt van “beëindigde bedrijfsactiviteiten”. De verkoop onderhandelingen en due diligence proces, en dus de eigendomsoverdracht, werden op 27 juni 2024 afgerond. 2Invision werd verkocht voor €6,5 miljoen. Na het behalen door 2Invision van haar 2024 budget, kon Option NV nog een earnout ontvangen van €0,75 miljoen. Gezien dit objectief niet behaald werd, werd deze niet als vordering erkend in de jaarrekening en dus ook niet in de resultatenrekening opgenomen.

Boekhoudkundige ramingen en veronderstellingen

Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill en vaste activa

De Groep evalueert op elke afsluitdatum of er aanwijzingen zijn dat een bijzonder waardeverminderingsverlies op immateriële en materiële vaste activa dient opgenomen te worden. Jaarlijks wordt eveneens voor elke kasstroom genererende eenheid, waaraan goodwill is toegewezen, een analyse voor bijzondere waardeverminderingsverliezen uitgevoerd. Bij de berekeningen van de gebruikswaarde, dient het management de toekomstige kasstromen van de vaste activa of de kasstroom genererende eenheid in te schatten en dient zij deze te verdisconteren om de actuele waarde van deze kasstromen te bekomen.

In 2025 werden geen bijzondere waardeverminderingsverliezen geboekt. In 2024 werd een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt op de Remoticom goodwill van €2,0 miljoen. Dit 50 waardeverminderingsverlies is nu gepresenteerd onder de “beëindigde bedrijfsactiviteiten” in de resultatenrekening in de vergelijkende cijfers m.b.t. 2024. De realiseerbare waarde is onderhevig aan de verdisconteringsvoet en de assumpties zoals onder andere groeivoet omzet, brutomarge en operationele kosten. Deze assumpties worden verder toegelicht in toelichting 9.

Voorziening voor garantieverplichtingen

De Groep raamt de kosten voor de voorziening voor garantieverplichtingen door gebruik te maken van statistische gegevens op de verkopen. De garantieperiode is in overeenstemming met de geldende wetgeving en varieert van 12 tot 60 maanden, afhankelijk van de onderliggende activiteit en van waar de klant zich bevindt. Op 31 december 2025 was er een voorziening voor garantieverplichtingen ten belope van k€ 254 (2024: k€ 241) op lange termijn. We verwijzen naar toelichting 20 voor meer informatie.Waardering Investering in geassocieerde deelnemingen De reële waarde van de Remoticom Group op het moment van het verlies van zeggenschap werd bepaald op basis van de impliciete waardering van het eigen vermogen die voortvloeit uit de markttransactie die tot het verlies van zeggenschap heeft geleid. Het resterende belang werd op die datum gewaardeerd tegen reële waarde.

51

BOEKHOUDPRINCIPES

1. VREEMDE VALUTA

FUNCTIONELE EN RAPPORTERINGSVALUTA

De jaarresultaten van de individuele entiteiten die tot de Groep behoren, worden uitgedrukt in de munteenheid van de voornaamste economische ruimte waarbinnen deze entiteiten opereren (functionele munteenheid). De geconsolideerde jaarrekening wordt weergegeven in euro, de functionele en rapporteringmunteenheid van de Groep. Alle ondernemingen binnen de Groep hebben de euro als functionele munt, behalve:

  • De Japanse dochteronderneming voor welke de functionele munt de Japanse Yen is;
  • De dochterondernemingen in Hong Kong en de Verenigde Staten voor welke de functionele munteenheid de US Dollar is; en
  • De Zuid-Afrikaanse dochteronderneming voor welke de functionele munt de Zuid Afrikaanse Rand is.

Deze hebben geen impact op de geconsolideerde cijfers per 31 december 2025 gezien er al meerdere jaren geen operationele activiteiten meer waren en slapend zijn.

TRANSACTIES IN VREEMDE VALUTA

Bij het opstellen van de jaarrekeningen van de individuele entiteiten worden transacties andere dan in euro, geboekt tegen wisselkoersen die gelden op datum van de transacties. Op iedere balansdatum worden monetaire activa en passiva uitgedrukt in vreemde valuta omgezet tegen de koers op de balansdatum. Niet-monetaire activa en passiva aan reële waarde, uitgedrukt in vreemde valuta worden omgerekend tegen de wisselkoers die geldt op de datum waarop de reële waarde werd bepaald. Winsten en verliezen afkomstig uit de vereffening van wisseltransacties en uit de omrekening van monetaire activa en passiva uitgedrukt in vreemde valuta worden erkend in de resultatenrekening van die periode.

52

2. TOEREKENING EN VERANTWOORDING VAN OPBRENGSTEN

Deze segmentindeling weerspiegelt de actuele organisatorische structuur en sluit aan bij de wijze waarop de bedrijfsactiviteiten intern worden opgevolgd. De Groep erkent omzet van de volgende belangrijke inkomstenstromen binnen de 3 segmenten:

  • ‘Option’ genereert hoofdzakelijk opbrengsten uit de verkoop van producten, voornamelijk gateways, sensoren enerzijds en in beperkte mate engineering diensten anderzijds.
  • ‘Innolumis’ genereert hoofdzakelijk opbrengsten uit de verkoop van LED- straatverlichtingsarmaturen.
  • ‘SAIT’genereert opbrengsten uit de verkoop van projecten voor draadloze communicatie, uit onderhoudscontracten op eerder gerealiseerde projecten en in mindere mate uit doorverkoop van communicatie toestellen.

Wat betreft wijzigingen van segmenten in huidig boekjaar tegenover vorig boekjaar verwijzen wij naar Toelichting 4. Omzet wordt gemeten op basis van de vergoeding waarop de Groep verwacht recht te hebben in een klantencontract, exclusief bedragen ontvangen voor rekening van derden.

Option

Verkoop van gateways
De Groep verkoopt gateways of cloudgates binnen een B2B omgeving aan OEM, distributeurs en eindgebruikers met de daarop geïnstalleerde software die het de gebruiker mogelijk maakt de gateway aan te passen aan de eigen noden. De cloudgate wordt samen met de specifiek daarvoor ontwikkelde software die exclusieve toepassing vindt op Cloudgate, beschouwd als één enkele prestatieverplichting. In uitzonderlijke gevallen wordt de Cloudgate software via afzonderlijke licentie voor het gebruik ter beschikking gesteld, de omzet ervan wordt erkend op een moment in de tijd. De standaard garantie van 12 of 24 maanden in overeenstemming met de geldende wetgeving is van toepassing. Deze garantie kan niet afzonderlijk worden aangekocht en dient als een garantie van het ‘assurance type’ beschouwd te worden. Bijgevolg verwerkt de Groep de garantie in overeenstemming met IAS 37 Provisies, voorwaardelijke verplichtingen en voorwaardelijke activa. Onder de standaard verkoopsvoorwaarden worden de producten niet verkocht met een recht op teruggave. Bijgevolg worden geen teruggaveverplichtingen opgenomen. De omzet van de producten wordt erkend wanneer controle over de goederen getransfereerd is aan de klant, namelijk wanneer de goederen geleverd zijn bij de klant.

Verkoop van sensoren
De Groep verkoopt sensoren binnen een B2B omgeving. De levering van sensoren wordt beschouwd als één enkele prestatieverplichting en voldoet aan de definitie van een serie van afzonderlijke goederen. De belofte om de serie van sensoren te transfereren is substantieel dezelfde voor alle sensoren en vertoont hetzelfde patroon waarbij elke sensor in de serie die Option transfereert een prestatieverplichting zou zijn die op een moment in de tijd erkend wordt. De prijs van de sensoren is variabel, afhankelijk van de afgenomen hoeveelheid. De prijs per sensor daalt gedurende de looptijd van het contract naarmate er meer sensoren worden afgenomen. De variabiliteit in de prijs heeft betrekking op de inspanningen van Option om aan de prestatieverplichting te voldoen. Bovendien zijn de prijswijzigingen substantieel en houden verband met een wijziging in de kosten om de verplichting te vervullen. De variabele vergoeding wordt aldus volledig toegewezen aan de serie van levering van sensoren. De omzet van de sensoren wordt erkend op een moment in de tijd. Een standaard garantie van 1 jaar is van toepassing. Deze garantie kan niet afzonderlijk worden aangekocht en dient als een garantie van het ‘assurance type’ beschouwd te worden. Bijgevolg verwerkt de Groep de garantie in overeenstemming met IAS 37 Provisies, voorwaardelijke verplichtingen 53 en voorwaardelijke activa. Onder de standaard verkoopsvoorwaarden worden de producten niet verkocht met een recht op teruggave. Bijgevolg worden geen teruggaveverplichtingen opgenomen.

Verrichten van onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten
Onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten waarin de Groep betrokken is als partner, bestaan uit middelenverbintenissen waarbij er enkel een verplichting is om mensen en middelen te leveren die meewerken in onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten van een klant. De omzet die voortvloeit uit deze activiteiten wordt erkend als een prestatieverplichting die voldaan wordt over de periode waarover de diensten geleverd worden. De vooruitgang van de geleverde diensten wordt gemeten op basis van de gepresteerde uren en als dusdanig wordt de omzet ook erkend.

Innolumis

De Groep genereert opbrengsten uit de verkoop van LED-straatverlichting. De transacties bestaan uitsluitend uit de levering van armaturen waarin de technologie ingebouwd is. Een standaard garantie van 60 maanden is van toepassing. Deze garantie kan niet afzonderlijk worden aangekocht en dient als een garantie van het ‘assurance type’ beschouwd te worden. Bijgevolg verwerkt de Groep de garantie in overeenstemming met IAS 37 Provisies, voorwaardelijke verplichtingen en voorwaardelijke activa. Onder de standaard verkoopsvoorwaarden worden de producten niet verkocht met een recht op teruggave. Bijgevolg worden geen teruggaveverplichtingen opgenomen. De omzet van de producten wordt erkend wanneer controle over de goederen getransfereerd is aan de klant, namelijk wanneer de goederen geleverd zijn bij de klant.

SAIT

De activiteiten van de installatieoplossingen bestaan uit het leveren van een geïntegreerde totaaloplossing, netwerken of installaties, op de sites van de klant. Deze oplossingen bestaan uit één enkele prestatieverplichting waarbij een combinatie van mensen en middelen wordt ingezet om de totaaloplossing te realiseren. Onder de voorwaarden van het contract heeft de Groep een afdwingbaar recht op betaling van de vergoeding voor het werk uitgevoerd tot dan, inclusief een redelijke winstmarge. De omzet van deze activiteiten wordt erkend over tijd en gebeurt aan de hand van de opgelopen kosten ten opzichte van het uitvoeringsbudget over de looptijd waarover het project wordt uitgevoerd. De Groep erkent een contract actief wanneer de uitgevoerde werkzaamheden de ontvangen vergoeding overschrijden en een contract passief wanneer de ontvangen vergoeding de uitgevoerde werkzaamheden overschrijdt. De omzeterkenning van de onderhoudscontracten gebeurt over tijd; de omzet van doorverkopen wordt erkend wanneer de toestellen geleverd worden.

54

3. VOORRADEN

De voorraden grondstoffen en goederen in bewerking, worden geboekt tegen de kostprijs (FIFO- methode) of, indien die lager is, tegen de realisatiewaarde. De voorraden van afgewerkte producten worden geboekt tegen de laagste van de kostprijs of de netto realiseerbare waarde. De kostprijs omvat directe materialen en, indien van toepassing, directe arbeidskosten en de overheadkosten die zijn gemaakt om de voorraden naar hun huidige locatie en in hun huidige toestand te brengen. De kostprijs wordt berekend volgens de FIFO methode. De Groep erkent voorraad in consignatie op haar balans tenzij er een aanzienlijke overdracht van de risico's en voordelen verbonden aan de eigendom heeft plaatsgevonden naar de geconsigneerde. De Groep waardeert doorlopend de voorraden van verouderde artikelen of langzaam roterende artikelen, en legt waar nodig voorzieningen aan.

4. MATERIËLE VASTE ACTIVA

De materiële vaste activa van de Groep worden gewaardeerd tegen de historische kost min de gecumuleerde afschrijvingen en eventuele bijzondere waardeverminderingen. Materiële vaste activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen hun reële waarde, die vanaf dan geldt als hun kostprijs. De winst of verlies, voortvloeiend uit de buitengebruikstelling van het vast actief (berekend op basis van het verschil tussen de netto verkoop en de boekwaarde van het vast actief) worden opgenomen in het resultaat van het jaar van buitengebruikstelling.De activa worden lineair afgeschreven over de geschatte economische levensduur, met name:

Categorie Levensduur
Machines en computeruitrusting 2 tot 5 jaar
Meubilair en rollend materieel 5 tot 10 jaar
Inrichtingen 3 tot 9 jaar

De geschatte levensduur, de restwaarden en de afschrijvingsmethode worden steeds herzien op balansdatum zodat eventuele gewijzigde inschattingen verwerkt worden op prospectieve basis.

5. LEASING

De Groep beoordeelt bij aanvang van het contract of een contract een leaseovereenkomst is of bevat. Dat betekent dat het contract het recht geeft om het gebruik van een geïdentificeerd actief gedurende een bepaalde periode te controleren, in ruil voor een vergoeding.

DE GROEP ALS LEASINGNEMER

De Groep past een enkele opname- en waarderingsbenadering toe voor alle leaseovereenkomsten, behalve voor kortlopende leaseovereenkomsten en leasing van activa met een lage waarde.

Recht-op-gebruik activa
De Groep erkent recht-op-gebruik activa op de ingangsdatum van de lease. Recht-op-gebruik activa worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen en gecorrigeerd voor eventuele herwaardering van 55 leaseverplichtingen. De kost van recht-op-gebruik activa omvat het bedrag van de opgenomen leaseverplichtingen. Activa voor gebruiksrechten worden lineair afgeschreven over de leaseperiode.

Leaseverplichtingen
Op de ingangsdatum van de leaseovereenkomst neemt de Groep leaseverplichtingen op die worden gewaardeerd tegen de huidige waarde van de verwachte leasebetalingen over de leaseperiode. Bij de berekening van de huidige waarde van leasebetalingen gebruikt de Groep haar incrementele rentevoet omdat de impliciete rentevoet niet direct kan worden bepaald. Na de ingangsdatum wordt het bedrag van de leaseverplichtingen verhoogd om de aangroei van rente weer te geven en verlaagd voor de leasebetalingen. De lease verplichtingen van de Groep worden opgenomen bij de financiële schulden.

6. BEDRIJFSCOMBINATIES EN GOODWILL

Overnames van bedrijven worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overgedragen overnamevergoeding in een bedrijfscombinatie wordt gewaardeerd tegen reële waarde, die berekend wordt als de som van de reële waardes op de overnamedatum van de activa afgestaan door de overgenomen entiteit, de verplichtingen opgenomen door de overgenomen entiteit tegenover de vorige eigenaars van de overgenomen activiteit en de participaties afgestaan door de overgenomen entiteit in ruil voor de zeggenschap in de overgenomen partij. Uitgaven in verband met de overname worden opgenomen in het resultaat zodra ze zich voordoen.

De identificeerbare overgenomen activa en opgelopen verplichtingen worden opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum. Wanneer de overnamevergoeding die de Groep verschuldigd is bij een bedrijfscombinatie voorwaardelijke vorderingen of verplichtingen omvat, wordt de voorwaardelijke vergoeding gewaardeerd tegen haar reële waarde op de overnamedatum en opgenomen in de overnamevergoeding voor de bedrijfscombinatie. Indien een verplichting om een voorwaardelijke vergoeding te betalen voldoet aan de definitie van een financieel instrument dat wordt geclassificeerd als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling verantwoord binnen het eigen vermogen. Als dit niet het geval is, wordt de voorwaardelijke vergoeding geherwaardeerd tegen reële waarde en worden wijzigingen in de reële waarde na eerste opname opgenomen in de winst-en-verliesrekening.

BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGEN VAN GOODWILL

Voor het toetsen op bijzondere waardevermindering wordt goodwill toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden van de Groep waarvan verwacht wordt dat zij voordelen zullen halen uit de synergiën van de bedrijfscombinatie. Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen. Dit gebeurt ook tussentijds wanneer er aanwijzingen zijn dat de boekwaarde van de eenheid hoger zou kunnen zijn dan de realiseerbare waarde. Indien de realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid lager is dan haar boekwaarde, wordt de bijzondere waardevermindering (in de resultatenrekening opgenomen onder ‘Bijzondere waardeverminderingen op goodwill en immateriële vaste activa’) eerst in mindering gebracht van de boekwaarde van de goodwill die aan de kasstroomgenererende eenheid werd toegewezen. Daarna wordt de bijzondere waardevermindering toegewezen aan de andere vaste activa die tot de eenheid behoren, evenredig met hun boekwaarde. Wanneer een bijzondere waardevermindering voor goodwill eenmaal is opgenomen, wordt deze in een latere periode niet teruggenomen.

7. IMMATERIËLE VASTE ACTIVA 56

Afzonderlijk verworven Immateriële vaste activa worden gewaardeerd bij de initiële opname op kostbasis verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde waardeverminderingen. Immateriële activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde. Immateriële activa worden afgeschreven op basis van hun economische gebruiksduur en de nood van een uitzonderlijke waardevermindering wordt geanalyseerd wanneer zich een indicatie tot bijzondere waardevermindering voordoet. De afschrijvingsmethode en periode van het immaterieel actief met een gedefinieerde levensduur wordt minstens herzien op elk financieel jaareinde. Waar de afschrijvingen en/of bijzondere waardeverminderingen op immateriële vaste activa worden geboekt in de resultatenrekening wordt weergegeven in toelichting 5 Winsten of verliezen die hun oorzaak vinden in de buitengebruikstelling van een immaterieel actief worden berekend op basis van het verschil tussen de netto verkoopwaarde en de boekwaarde van het actief en worden opgenomen in het resultaat wanneer het actief wordt buiten gebruik gesteld.

(A) KOSTEN VOOR ONDERZOEK EN ONTWIKKELING

Uitgaven voor onderzoek worden als uitgave opgenomen wanneer ze worden opgelopen. Kosten van ontwikkelingsprojecten (voor het ontwerpen en testen van nieuwe of verbeterde producten) worden opgenomen als immateriële vaste activa, indien voldaan is aan de criteria van IAS 38. Het initieel opgenomen bedrag voor intern ontwikkelde immateriële vaste activa bestaat uit het totaal van de opgelopen kosten vanaf het moment waarop het immaterieel vast actief aan de criteria voldeed. Na hun initiële opname op de balans worden deze intern ontwikkelde immateriële activa gewaardeerd aan kost min gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen, op dezelfde manier als de overige immateriële vaste activa. De afschrijvingen van de geactiveerde ontwikkelingskosten worden geboekt in de resultatenrekening onder de rubriek ‘Onderzoeks- en Ontwikkelingskosten’ over een afschrijvingstermijn variërend van 3 tot 5 jaar.

(B) OVERIGE IMMATERIËLE VASTE ACTIVA

De overige immateriële vaste activa van de Groep omvatten concessies, patenten en licenties, software, backlog van klantenorders, technologieën en klantenbestanden. Deze worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. De afschrijvingen gebeuren lineair over de verwachte economische levensduur, als volgt:
• Concessies, patenten en licenties: 1,5 tot 5 jaar afhankelijk van de specifieke licentie of software

De verwachte economische levensduur en de afschrijvingsperiode worden bij iedere rapporteringperiode geëvalueerd, waarbij het effect van eventuele aanpassingen op een prospectieve basis wordt opgenomen.

8. BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGEN OP VASTE ACTIVA

De Groep evalueert in elke rapporteringsperiode de vaste activa en bepaalt in geval van bijzondere gebeurtenissen of wijzigingen of er enige indicatie bestaat tot het nemen van een bijzondere waardevermindering. Indien die indicaties er zijn, wordt de realisatiewaarde van het actief geschat om de bijzondere waardevermindering vast te leggen. Indien een individueel actief geen kasstromen genereert los van andere activa, dan zal de Groep een inschatting maken van de realisatiewaarde van de eenheid die de kasstromen genereert en waartoe het actief behoort. Voor de immateriële vaste activa zal onmiddellijk een bijzondere waardevermindering worden geboekt zodra niet meer aan de vereiste criteria is voldaan. 57

De realisatiewaarde is gelijk aan de hoogste van de marktwaarde verminderd met de verkoopkosten en de gebruikswaarde. De beoordeling van de gebruikswaarde gebeurt op basis van de huidige waarde van de toekomstige kasstromen, gebruik makend van de discontovoet voor belastingen die de huidige marktcondities van de tijdswaarde van geld en de specifieke risico’s verbonden aan het onderliggend actief, voor zover de toekomstige kasstromen hier niet voor werden aangepast, weerspiegelt. Indien de realisatiewaarde van het actief (of de kasstroom genererende eenheid) lager is dan de huidige boekwaarde, zal de boekwaarde verlaagd worden tot de realisatiewaarde. Deze waardeverminderingen worden opgenomen in de resultatenrekening op de lijn ‘Bijzondere waardeverminderingen op materiële vaste activa’.

9. VOORZIENINGEN

Voorzieningen worden aangelegd in overeenstemming met IAS 37. Het bedrag dat als voorziening erkend wordt is de beste raming van de vereisten om de huidige verplichting op de balansdatum te vereffenen, rekening houdend met de risico's en de onzekerheden die eigen zijn aan de verplichting. Indien sommige of alle economische voordelen die worden vereist om een voorziening te vergoeden, van een derde kunnen worden teruggevorderd, wordt de vordering aanzien als een activa indien het nagenoeg zeker is dat de terugbetaling zal worden ontvangen en indien het bedrag van terugbetaling betrouwbaar kan worden gemeten.

VOORZIENINGEN VOOR GARANTIES

De Groep verleent garantie op haar producten vanaf de datum van verzending en/of verkoopdatum aan de eindklant.De garantietermijn is in overeenstemming met de geldende wetgeving en varieert doorgaans van 12 tot 60 maanden afhankelijk van de onderliggende activiteiten en de plaats waar de klant zich bevindt. In uitzonderlijke gevallen kan het voorkomen dat 10 jaar garantie wordt gegeven bij de verkoop van verlichtingsarmaturen. Het beleid van de Groep bestaat erin de geraamde kosten van garantieverlening te boeken op het ogenblik dat de verkoop wordt opgetekend.

10. OP AANDELEN GEBASEERDE BETALINGEN

De Groep maakt gebruik van op aandelen gebaseerde betalingen waarbij aandelenopties (hierna vernoemd als “warranten”) worden toegekend aan werknemers, zelfstandigen en bestuurders. De kost van deze op aandelen gebaseerde transacties met werknemers, worden berekend op basis van de reële waarde op de datum van verwerving. De op aandelen gebaseerde betalingen worden als kost in de resultatenrekening opgenomen over de periode van verwerving, met een overeenkomstige toename van het eigen vermogen conform de vereiste van IFRS 2.7.

De standaard vermeldt echter niet waar in het eigen vermogen de op aandelen gebaseerde betalingen gepresenteerd dienen te worden. De Groep heeft ervoor gekozen deze op een afzonderlijke reserve ‘op aandelen gebaseerde betalingen’ in het eigen vermogen te presenteren. Deze reserve wordt binnen het eigen vermogen terug overgeboekt naar overgedragen resultaat wanneer de warranten worden uitgeoefend of vervallen.

Het bedrag dat ten laste van de resultatenrekening dient te worden genomen over de verwervingsperiode wordt bepaald volgens de reële waarde van de warranten, welke wordt berekend op basis van het Black Scholes-model. Daarbij wordt rekening gehouden met de voorwaarden die van toepassing waren bij het toekennen van de warranten. Op elke balansdatum herziet de Groep haar ramingen van het aantal warranten die vermoedelijk uitoefenbaar zullen worden tenzij de verbeuring van warranten plaatsvindt wegens het niet bereiken van de drempelwaarden. Eventuele correcties zullen worden uitgevoerd in de resultatenrekening en in het eigen vermogen over de resterende looptijd van de warranten. De direct toe te schrijven transactiekosten worden in mindering gebracht van het 58 aandelenkapitaal (nominale waarde) en uitgiftepremie op het ogenblik waarop de warranten worden uitgeoefend. Voor verdere details verwijzen we naar toelichting 22.

11. PENSIOENVERPLICHTINGEN

De Groep heeft een aantal pensioenplannen voor haar personeelsleden op basis van toegezegde bijdrageverplichtingen (defined contribution). De activa worden beheerd in afzonderlijke fondsen of groepsverzekeringen. De bijdragen worden ten laste genomen van de resultatenrekening in het jaar waarop ze betrekking hebben. In België legt de Belgische pensioenwetgeving een minimumrendement op. Deze wetgeving bracht de verplichte kwalificatie als toegezegd pensioenregeling met zich, waardoor er op jaareinde telkens een actuariële waardering wordt uitgevoerd.

12. FINANCIELE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN

De financiële activa en de financiële verplichtingen worden opgenomen in de balans van de Groep zodra de Groep de contractuele bepalingen van het instrument onderschrijft.

FINANCIËLE ACTIVA

Handelsvorderingen en overige vorderingen
Handelsvorderingen en overige vorderingen zijn in de balans opgenomen aan nominale waarde (in het algemeen het gefactureerde bedrag), verminderd met een waardevermindering voor dubieuze debiteuren. Dergelijke waardevermindering wordt opgenomen in de resultatenrekening als het waarschijnlijk is dat de Groep de vordering niet zal kunnen innen. Voor klanten waarbij de openstaande vorderingen resulteren uit commerciële discussies, worden kortingen geboekt ten opzichte van de bedrijfsopbrengsten. In die gevallen waarbij het kredietrisico resulteert uit de mogelijkheid dat individuele klanten niet langer in staat zouden blijken om aan hun financiële verplichtingen te voldoen, worden de waardeverminderingen geboekt als waardevermindering voor dubieuze debiteuren. De overige vorderingen worden vermeld op basis van hun nominale waarde (over het algemeen het gefactureerde bedrag) verminderd met een voorziening voor dubieuze debiteuren mocht dit noodzakelijk blijken.

Geldmiddelen en kasequivalenten
Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten contante en direct opvraagbare deposito’s, beleggingen op korte termijn (< 3 maanden), kortlopende zeer liquide beleggingen die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen waarvan het bedrag gekend is en die geen materieel risico van waardeverandering in zich dragen. Met betrekking tot het geconsolideerde kasstroomoverzicht bevatten de geldmiddelen en kasequivalenten cash en korte termijndeposito’s, zoals hierboven omschreven.

Bijzondere waardeverminderingen van financiële activa
De Groep past de vereenvoudigde benadering toe voor het bepalen van de waardeverminderingen voor verwachte kredietverliezen (ECLs) op handelsvorderingen en overige vorderingen. De ECLs zijn gebaseerd op het verschil tussen de contractuele kasstromen en alle kasstromen welke de Groep 59 verwacht te ontvangen, verdisconteert aan een benadering van de originele effectieve interestvoet. Een waardevermindering wordt geboekt op elke rapporteringsperiode op basis van de ECL. De Groep gaat op elke rapporteringsperiode na of de opgebouwde provisie in verhouding tot de ouderdom van de vorderingen volstaat, waarbij vorderingen ouder dan 90 dagen worden afgewaardeerd voor 25%, ouder dan 180 dagen voor 50% en meer dan een jaar openstaand volledig worden afgewaardeerd. De afwaardering volgens de ouderdomsbalans wordt verder aangevuld met specifieke informatie zoals het bestaan van afbetalingsplannen, faillissementen of andere gegevens die de afwaardering in detail bijsturen. Een vordering wordt als volledig verloren beschouwd indien een laatste aanmaning via de juridische expert niet tot een succes heeft geleid. Invorderingen worden verdergezet, ook mits een afwaardering op de vordering is opgenomen, tot op het ogenblik waarop een juridisch expert wordt ingezet. Bij het opbouwen van de provisie wordt rekening gehouden met macro-economische en toekomstige aspecten door het inbouwen van de 25% afwaardering op alle vorderingen die langer dan 90 dagen openstaan en door het feit dat de analyse op de rapporteringsperiode wordt geverifieerd met een vergelijkende analyse op 3 maanden na rapporteringsdatum. De provisies en waardeverminderingen op financiële activa worden als financiële kosten geboekt als deze activa betrekking hebben op financieringsactiviteiten. Wanneer deze activa betrekking hebben op operationele of investeringsactiviteiten, worden de provisies en waardeverminderingen als operationele kosten geboekt.

FINANCIËLE VERPLICHTINGEN

Handelsschulden en overige schulden
Handelsschulden en overige schulden worden opgenomen aan hun nominale waarde voor zover er geen belangrijke financieringscomponent verbonden is aan de schulden.

Leningen
Leningen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve rentemethode.

13. INVESTERINGEN IN GEASSOCIEERDE DEELNEMINGEN

Investeringen in geassocieerde deelnemingen worden bij eerste opname gewaardeerd tegen aanschaffingswaarde, vermeerderd met de rechtstreeks toerekenbare kosten. Na eerste opname worden deze deelnemingen verder gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode. De boekwaarde wordt aangepast met het aandeel van de vennootschap in het gerealiseerd en niet-gerealiseerd resultaat van de geassocieerde deelneming sinds de verwerving. Dit aandeel in het resultaat wordt opgenomen in de resultatenrekening. Ontvangen dividenden verminderen de boekwaarde van de deelneming en worden niet als opbrengst verwerkt. Wanneer blijkt dat er sprake is van een duurzame minderwaarde, wordt een waardevermindering geboekt ten belope van het vastgestelde verlies. Deze waardevermindering wordt teruggenomen zodra de redenen waarvoor ze werd aangelegd niet langer bestaan, en dit tot maximaal de oorspronkelijk vastgestelde aanschaffingswaarde. Indien een geassocieerde deelneming ontstaat als gevolg van het verlies van controle over een dochteronderneming, wordt het behouden belang bij de eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde op de datum van het verlies van controle. Deze reële waarde geldt als de nieuwe 60 aanschaffingswaarde voor de toepassing van de vermogensmutatiemethode. Het verschil tussen de reële waarde van het behouden belang, de ontvangen vergoeding en de boekwaarde van de afgestoten activa en verplichtingen wordt opgenomen in de resultatenrekening.

14. VASTE ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP EN BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN

Een vast actief, of een groep activa die wordt afgestoten, wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer de boekwaarde hoofdzakelijk gerealiseerd zal worden via een verkooptransactie eerder dan door het te blijven gebruiken. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop heel waarschijnlijk geacht wordt en als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) klaar is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat. Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van een entiteit die ofwel afgestoten is ofwel geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt en zowel operationeel als voor de financiële verslaggeving onderscheiden kan worden van de rest van de entiteit. Er kan pas sprake zijn van een zeer waarschijnlijke verkoop als de entiteit zich verbonden heeft tot een plan voor de verkoop van het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) en als een operationeel plan opgestart is om een koper te vinden en het plan tot een goed einde te brengen. Bovendien moet de verkoop van het actief (of van de groep activa die wordt afgestoten) actief gepromoot worden tegen een redelijke prijs in verhouding tot zijn huidige reële waarde en dient de verkoopovereenkomst naar verwachting afgesloten te worden binnen het jaar na de classificatiedatum.Activa die geclassificeerd zijn als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen reële waarde na aftrek van verkoopkosten als deze lager is dan de boekwaarde. Een eventueel overschot van de boekwaarde tegenover de reële waarde na aftrek van verkoopkosten wordt afgeboekt als een bijzondere waardevermindering. Zodra activa geclassificeerd worden als aangehouden voor verkoop worden ze niet langer afgeschreven. Vergelijkende balansinformatie voor voorgaande perioden wordt niet herwerkt om de nieuwe classificatie in de balans te weerspiegelen. Naast de classificatie als groep die wordt afgestoten voor verkoop, wordt een onderdeel van de Groep dat een belangrijke bedrijfsactiviteit vertegenwoordigt en deel uitmaakt van één gecoördineerd plan om de afzonderlijke hoofdactiviteiten af te stoten, aangemerkt als beëindigde bedrijfsactiviteiten. Voor beëindigde bedrijfsactiviteiten wordt de impact op de geconsolideerde resultatenrekening op 1 lijn gepresenteerd in de geconsolideerde resultatenrekening, dit zowel voor het rapporteringsjaar alsook de vergelijkende cijfers, en bestaande uit het totaal van: 1. de winst of het verlies na belastingen van beëindigde bedrijfsactiviteiten, en 2. de winst of het verlies na belastingen die is opgenomen bij de waardering naar reële waarde verminderd met de verkoopkosten of bij de vervreemding van de activa of groep(en) die de beëindigde bedrijfsactiviteit vormen. De classificatie als beëindigde bedrijfsactiviteiten gebeurt bij verkoop of wanneer voldaan is aan de voorwaarden om te worden beschouwd als aangehouden voor verkoop.

15. RESULTAAT PER AANDEEL

Het resultaat per gewoon aandeel wordt berekend op basis van het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen uitstaand tijdens de periode. Het resultaat per verwaterd aandeel wordt berekend op basis van het gewogen gemiddeld aantal verwaterde aandelen uitstaand tijdens de periode.

16. SEGMENTRAPPORTERING 61

Een segment is een autonoom deel van de Groep dat specifieke producten of diensten levert (operationeel segment), of producten of diensten levert binnen een bepaalde economische omgeving (geografisch segment), dat aan risico’s onderhevig is en opbrengsten genereert die van andere segmenten te onderscheiden zijn. Segmentresultaten omvatten de opbrengsten en kosten die direct toe te schrijven zijn aan het segment en het relevante gedeelte van de opbrengsten en kosten die op een redelijke wijze aan het segment kunnen worden toegewezen. De operationele segmenten worden geïdentificeerd op basis van interne rapportering omtrent de onderdelen van de Groep en welke op regelmatige basis worden beoordeeld door de “chief operating decision maker” met het doel om de nodige middelen toe te wijzen aan de segmenten en om hun prestaties te beoordelen. 62

TOELICHTING 4. Operationele segmenten en toelichting over de entiteit als geheel

IFRS 8 vereist dat de operationele segmenten worden geïdentificeerd op basis van de interne rapportering betreffende de componenten van de Groep welke op regelmatige basis worden besproken door het management van de Groep met als doel de nodige middelen toe te wijzen aan deze segmenten en om hun werking in te schatten. De CEO van de Groep is de “Chief Operating Decision Maker”. De CEO evalueert de prestaties van een segment op basis van omzet en recurrent bedrijfsresultaat. De rapporteringsinformatie bevat geen activa en verplichtingen per segment en deze informatie is bijgevolg niet beschikbaar per segment. Alle vaste activa bevinden zich in België en/of Nederland.

In boekjaar 2025 heeft Option NV haar segmentrapportering herzien naar aanleiding van structurele wijzigingen in de groepsstructuur en de verkoop van het meerderheidsbelang in Remoticom groep eind augustus 2025. Tot aan de verkoop maakte Remoticom samen met Option en SAIT deel uit van het segment “Solutions”. Na het besluit tot verkoop werden de resultaten van Remoticom geclassificeerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten conform IFRS 5 en afzonderlijk gepresenteerd. Na de desinvestering van Remoticom en de hieruit voortvloeiende strategische heroriëntatie heeft het management de activiteiten opgesplitst in drie duidelijk onderscheiden kernsegmenten, elk met een eigen businessmodel, marktpositie, klantenbasis en verantwoordelijke directie:
* Option
* Innolumis
* SAIT

Deze segmentindeling sluit aan bij de aangepaste interne managementrapportering. Overeenkomstig IFRS 8 werd de vergelijkende informatie herwerkt alsof deze segmentstructuur ook in de vorige periode van toepassing was. Deze herwerking heeft uitsluitend betrekking op de presentatie van segmentinformatie en heeft geen impact op de geconsolideerde cijfers van de Groep.

Het primaire rapporteringsegment werd bepaald als zijnde het bedrijfssegment, elk segment is een autonome component van de Groep welke specifieke producten of diensten levert:
* Het “Option” operationele segment bevat alle activiteiten betreffende de productie en leveringen van gateways en sensoren, en het end-to-end engineering aanbod;
* Het “Innolumis” operationele segment, betreft alle activiteiten gerelateerd aan LED straatverlichting;
* Het “SAIT” operationele segment omvat de activiteiten omtrent het bouwen en onderhouden van installaties voor draadloze communicatie.

De activiteiten van de Remoticom Group, die in 2025 werden verkocht, evenals de activiteiten van het voormalige Services‑segment, werden geclassificeerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten en worden derhalve niet langer opgenomen als operationeel segment. De activiteiten van het Services‑segment werden in de loop van 2024 stopgezet naar aanleiding van de verkoop (2invision Managed Services BV en 2invision Managed Services België) en liquidatie (2invision Professional Services BV).

Transacties tussen operationele segmenten zijn op een at arm’s length basis, op eenzelfde manier als transacties met derde partijen. Hierna volgt een analyse van de opbrengsten en de bedrijfsresultaten van de Groep per gerapporteerd segment:

63

31 december 2025 (In duizend EUR) Option + Remoticom Sait Innolumis Intersegment opbrengsten / Remoticom Beëindigd Gecorrigeerd en niet toegewezen bedrijfs- kosten Totaal voor bedrijfs- activiteiten Na beëindigde bedrijfsactiviteiten
Opbrengsten van externe klanten 4 090 (796) 2 424 3 509 - 9 227
Intersegment opbrengsten 314 - - - (314) -
Resultaat van het operationeel segment (A) (845) 445 127 367 - 94
Niet-toegewezen bedrijfskaskosten (B): - - - - (998) (998)
Afschrijvingen op materiële vaste activa (C) (241) 62 (90) (113) - (382)
Afschrijvingen op immateriële vaste activa (D) (551) 212 - (70) - (409)
Waardeverminderingen op voorraden en vorderingen (F) 138 5 9 (3) - 149
Toename / (afname) in voorzieningen (G) (14) - - (8) - (22)
EBITDA (H) = (A) + (B) - (C) - (D) - (E) - (F) - (G) (177) 166 209 562 (998) (240)
Aandeel in het resultaat van investeringen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode, na belastingen - - - - (129) (129)
Financiële (kosten) / opbrengsten (J) - - - - (520) (520)
Winst / (Verlies) van beëindigde bedrijfsactiviteiten - - - - (482) (482)
Belastingen (K) - - - - 81 81
Nettowinst /(verlies) van de periode (L) = (A) + (B) + (I) + (J) + (K) (845) 445 127 367 (1 919) (1 954)

*Als gevolg van de herclassificatie van Remoticom naar beëindigde bedrijfsactiviteiten (zie Toelichting 15) werden de resultaten van deze entiteit in de segmentrapportering in een afzonderlijke kolom in mindering gebracht. Deze aanpassing werd toegepast op zowel het huidig als het voorgaand boekjaar, waarbij de vergelijkende cijfers dienovereenkomstig werden herwerkt.

64

31 december 2024 (In duizend EUR) Option + Remoticom Sait Innolumis Intersegment opbrengsten / Remoticom Beëindigd Gecorrigeerd en niet toegewezen bedrijfs- kosten Totaal voor bedrijfs- activiteiten Na beëindigde bedrijfsactiviteiten
Opbrengsten van externe klanten 6 545 (2 595) 3 021 2 983 - 9 954
Intersegment opbrengsten 180 131 - - (311) -
Resultaat van het operationeel segment (A) (3 007) 2 350 382 263 - (12)
Niet-toegewezen bedrijfskaskosten (B): - - - - (930) (930)
Afschrijvingen op materiële vaste activa (C) (312) 130 (134) (130) - (446)
Afschrijvingen op immateriële vaste activa (D) (772) 425 - (77) - (424)
Bijzondere waardeverminderingen op immateriële vaste activa en goodwill (1 959) 1 959 - - - -
Waardeverminderingen op voorraden en vorderingen (F) 12 54 (6) (1) - 59
Toename / (afname) in voorzieningen (G) - - - (9) - (9)
EBITDA (G) = (A) + (B) - (C) - (D) - (E) - (F)- (G) 24 (218) 522 480 (930) (122)
Niet-toegewezen niet-kaskosten (I): - - - - - -
Financiële (kosten) / opbrengsten (J) - - - - (765) (765)
Winst / (Verlies) van beëindigde bedrijfsactiviteiten - - - - (1 299) (1 299)
Belastingen (K) - - - - (9) (9)
Nettowinst /(verlies) van de periode (K) = (A) + (B) + (I) + (J)+ (K) (3 007) 2 350 382 263 (3 003) (3 015)

*Als gevolg van de herclassificatie van Remoticom naar beëindigde bedrijfsactiviteiten (zie Toelichting 15) werden de resultaten van deze entiteit in de segmentrapportering in een afzonderlijke kolom in mindering gebracht. Deze aanpassing werd toegepast op zowel het huidig als het voorgaand boekjaar, waarbij de vergelijkende cijfers dienovereenkomstig werden herwerkt. In 2024 worden de gedeconsolideerde cijfers van 2 Invision niet mee opgenomen in de rapportering van operationele segmenten. We verwijzen naar toelichting 15

65

Het nettoresultaat voor de segmenten kan gereconcilieerd worden zoals weergegeven in bovenstaande tabel met de geconsolideerde resultatenrekening. De desinvestering van Remoticom groep zorgt voor een daling van de omzet.We verwijzen naar toelichting 15 66 IFRS 15 De erkenning van de omzet onder IFRS 15 voor de belangrijkste producten en diensten binnen de segmenten kan als volgt gespecifieerd worden:

In duizend EUR 2025 2024*
Segmenten - Producten / Omzeterkenning Over tijd Op een moment in de tijd Over tijd Op een moment in de tijd
Option Gateways - 1 534 - 2 265
Engineering 472 - 385 -
Installaties en integratie 508 - 148 -
Installaties en verkoop van laadpalen - 335 - 611
Sensoren - 445 - 542
SAIT 2 424 - 3 020 -
Innolumis - 3 509 - 2 983
Totalen 3 404 5 823 3 553 6 401

De omzet van Option wordt samengesteld door de eerste vijf rubrieken in bovenstaande tabel.

Contract activa en verplichtingen

  • De contract activa in voorraad bedragen voor 2025 k€ 12 (2024: k€ 67) met betrekking tot installatieoplossingen van SAIT BV;
  • De contract passiva in voorzieningen bedragen voor 2025 k€ 74 (2024: k€ 85) met betrekking tot installatieoplossingen van SAIT BV;
  • Een deel van de contract passiva gerelateerd aan de over te dragen opbrengsten per 31 december 2024, werden vervolgens erkend in de omzet van 2025.

De relatie tussen het moment van voldoening van de prestatieverplichtingen en het moment van facturering die resulteren in contract activa en verplichtingen is als volgt:
- Installatie- en/of integratieprojecten: de levering van goederen en diensten wordt vervuld over tijd, terwijl de diensten gefactureerd kunnen worden op bepaalde vooraf gedefinieerde tijdstippen of wanneer de diensten volledig opgeleverd zijn, resulterend in werken in uitvoering of contract activa en verplichtingen. De vennootschap streeft ernaar om de kasontvangsten uit een project zoveel mogelijk te synchroniseren met de verwachte kasuitgaven, en daarvoor tussentijdse prestatiestaten aan de klant voor te leggen zodat na goedkeuring van deze laatste de contractuele betaaltermijnen door de klant worden toegepast.
- Gateways & verlichtingsarmaturen: de levering van goederen wordt vervuld op een bepaald moment in de tijd waarna ook in dezelfde periode de facturatie plaatsvindt.

De groep maakt gebruik van de praktische uitzondering betreffende de toelichting om de geaggregeerde transactieprijs te alloceren aan de nog niet voldane prestatieverplichtingen en de toelichting over wanneer de vennootschap verwacht deze bedragen te erkennen in omzet aangezien voor alle contracten steeds is voldaan aan de conditie dat het een looptijd van één jaar of minder heeft.

Overige toelichtingen 67

In 2025 wordt k€ 1 442 (2024: k€ 1 552) van de opbrengsten gerealiseerd in België, k€ 5 870 (2024: k€ 2 751) in Nederland, k€ 611 (2024: k€ 4 057) in andere EU landen en k€ 1 304 (2024: k€ 1 594) buiten de euro-zone (waarvan k€ 523 in de Verenigde Staten). De Groep heeft geen individuele klanten voor dewelke de Groep een omzet realiseert van meer dan 10% van de geconsolideerde omzet. Daarnaast is er geen belangrijke concentratie van omzet bij een beperkt aantal klanten. De vaste activa bevinden zich voor k€ 2 599 (2024: k€ 6 470) in Nederland en voor k€ 3 661 (2024: k€ 2 952) in België. Per 31 december 2025 bedragen de overige opbrengsten k€ 347 (2024: k€ 415).

68 TOELICHTING 5. Bijkomende informatie betreffende bedrijfskosten volgens aard

In duizend EUR Kostprijs verkochte goederen Onderzoeks- en ontwikkelings- kosten Kosten van marketing en royalty's Algemene en administratieve kosten Totaal
2025 / 2024* 2025 / 2024* 2025 / 2024* 2025 / 2024* 2025 / 2024*
Afschrijvingen op materiële vaste activa en recht-op-gebruik activa 38 / 49 51 / 58 57 / 71 236 / 268 382 / 446
Afschrijvingen op immateriële vaste activa 131 / 130 141 / 157 - / - 137 / 137 409 / 424
Waardeverminderingen op voorraden en vorderingen (168) / (63) - / - 10 / (30) 9 / 34 (149) / (59)
Personeelskosten 740 / 904 455 / 446 474 / 380 987 / 1 040 2 656 / 2 770
Kosten van op aandelen gebaseerde betalingen - / - - / - - / - - / - - / -
Externe advieskosten 293 / 266 25 / 103 260 / 175 841 / 900 1 419 / 1 444
Marketing & public relations - / - - / - 59 / 60 17 / 18 76 / 78
Huurkosten (9) / 9 31 / 19 40 / 13 28 / 32 90 / 73
Brandstof, onderhoud & verzekeringen 44 / 44 17 / 24 8 / 11 121 / 107 190 / 186
Management - / - - / - - / - 84 / 122 84 / 122
Aankopen goederen en diensten 4 253 / 4 841 - / 16 243 / 515 - / - 4 496 / 5 372
Andere 143 / (31) 83 / 53 44 / (23) 555 / 455 825 / 454
Totaal 5 465 / 6 149 803 / 876 1 195 / 1 172 3 015 / 3 113 10 478 / 11 310

69 Reconciliatie met het geconsolideerd kasstroomoverzicht:

In duizend EUR Continued Operations Discontinued Operations Totaal
2025 2024* 2025 2024* 2025 2024*
Afschrijvingen op materiële vaste activa en recht-op-gebruik activa 382 446 61 267 443 713
Afschrijvingen op immateriële vaste activa 409 424 211 426 620 850
Waardeverminderingen op voorraden en vorderingen (149) (59) 5 31 (144) (28)
Personeelskosten 2 656 2 770 553 1 297 3 209 4 067
Externe advieskosten 1 419 1 444 108 281 1 527 1 725
Marketing & public relations 76 78 28 47 104 125
Huurkosten 90 73 37 81 127 154
Brandstof, onderhoud & verzekeringen 190 186 7 53 197 239
Management 84 122 - 54 84 176
Aankopen goederen en diensten 4 496 5 372 427 2 192 4 923 7 564
Andere 825 454 98 (3 649) 923 (3 195)
Totaal 10 478 11 310 1 535 1 080 12 013 12 390

TOELICHTING 6. Personeelskosten en overige sociale voordelen

In duizend EUR 2025 2024*
Lonen en wedden 1 855 2 009
Sociale-zekerheidsbijdragen 581 526
Overige personeelskosten 56 52
Bijdrage in pensioenfondsen 164 182
2 656 2 770

a) Totaal aantal ingeschreven personeelsleden per einde boekjaar: 29 (2024: 30)
b) Gemiddeld personeelsbestand in voltijdse equivalenten: 29 (2024: 30)
- Bedienden: 27 (2024: 28)
- Management: 2 (2024: 2)

De bijdragen in pensioenfondsen betreffen stortingen in toegezegde-bijdragenregelingen (defined contribution plans). We verwijzen hiervoor ook naar toelichting 20.

70 TOELICHTING 7. Financiële resultaten

In duizend EUR 2025 2024*
Netto wisselkoers winsten 103 82
Overige 1 (1)
Financiële opbrengsten 104 81
Interestkosten (516) (685)
Netto wisselkoers verliezen (62) (90)
Overige, in hoofdzaak bankkosten en betalingsverschillen (46) (71)
Financiële kosten (624) (846)
Financieel netto resultaat (520) (765)

Het netto financieel resultaat voor 2025 bedraagt k€ (520) (2024: k€ (765)). De evolutie in de financiële resultaten werden hoofdzakelijk beïnvloed door de financiële kosten gerelateerd aan interestkosten.

71 TOELICHTING 8. Belastingen en uitgestelde belastingen

BELASTINGEN

In duizend EUR 2025 2024*
Belastinginkomsten / (uitgaven) omvatten:
Verschuldigde/Terug te vorderen belastingen op het resultaat - (2)
Uitgestelde belastinginkomsten / (uitgaven) 81 (8)
Totale belastinginkomsten / (uitgaven) 81 (10)
Verlies voor belastingen (1 553) (1 706)
Belastinginkomst / (uitgave) 388 427
Verschillende belastingtarieven van dochterondernemingen onder verschillende belastingregimes 15 42
Niet aftrekbare uitgaven (22) (8)
Inkomsten niet onderhevig aan taks (495) -
Bijzondere waardeverminderingen op goodwill - (125)
Andere permanente verschillen tussen IFRS en statutaire cijfers 12 -
Permanente verschillen tussen statutaire en fiscale cijfers 229 -
Fiscale verliezen van het huidige boekjaar welke niet werden erkend (62) (675)
Gebruik van fiscale verliezen welke niet werden erkend in vorige jaren 6 -
Fiscale verliezen van voorbije boekjaren welke niet meer worden erkend 111 60
(Niet erkenning) / vrijval niet erkenning van uitgestelde belastingvorderingen op tijdelijke verschillen - (18)
Erkenning van uitgestelde belastingvorderingen op vroeger niet-erkende fiscale verliezen - 43
Tax effect op blijvende transacties na de beëindigde activiteiten (95) 355
Andere (6) 12
Belastinginkomsten / (uitgaven) opgenomen in de resultatenrekening 81 113

De belastingvoet die werd gebruikt in bovenstaande reconciliatie voor 2025 is de vennootschapsbelastingvoet van 25% (2024: 25%) die van toepassing is op ondernemingen onderhevig aan het Belgische belastingregime. De belastingvoet voor de entiteiten buiten België is 19% (Nederland, voor resultaten tot K€ 200 – daarboven 25,8%).

72 UITGESTELDE BELASTINGEN

In duizend EUR Activa/(Verplichtingen) 2025 Activa/(Verplichtingen) 2024 Opbrengsten/ (Kosten) 2025
Handels- en overige vorderingen - 52 (52)
Handels- en overige schulden 11 - 11
Leningen en lease schulden 270 234 36
Voorzieningen 14 18 (4)
Fiscale verliezen, notionele interest aftrek en andere 367 574 (207)
Voorziene kosten en uitgestelde opbrengsten 18 40 (22)
Netting totaal uitgestelde belastingvoordelen en -verplichtingen (467) (786) -
Totaal uitgestelde belastingvorderingen 213 132 (238)
Handels- en overige vorderingen (24) - (24)
Materiële vaste activa (257) (223) (34)
Immaterieel vaste activa (99) (424) 325
Handels- en overige schulden - (20) 20
Voorzieningen (19) (22) 3
Voorziening waardevermindering belastingvorderingen (68) (135) 67
Netting totaal uitgestelde belastingvoordelen en -verplichtingen 467 786 -
Totaal uitgestelde belastingverplichtingen - (38) 357
Totaal uitgestelde belastingbaten (verliezen) 119
Correctie voor beëindigde activiteiten Remoticom (38)
Totaal uitgestelde belastingbaten (verliezen) 81

De Groep heeft fiscaal overdraagbare verliezen voor een totaal bedrag van € 158 miljoen per 31 december 2025 (2024: € 164 miljoen), ongebruikte fiscaal overdraagbare DBI van k€ 27 489 (2024: k€ 27 199) en ongebruikte fiscaal overdraagbare investeringsaftrek van k€ 8 794 (2024: k€ 8 745). Van de fiscale verliezen werd (na waardevermindering) een bedrag van k€ 1 541 (2024: €3 miljoen) gebruikt als basis om uitgestelde belastingvorderingen te erkennen. Deze fiscaal overdraagbare verliezen en andere aftrekken situeren zich in België en Nederland, en zijn onbeperkt overdraagbaar. Evenwel is de aftrekbaarheid van de fiscale verliezen beperkt tot 40% (België) of 50% (Nederland) van de belastbare winst boven 1 miljoen €. De uitgestelde belastingvorderingen hebben voornamelijk betrekking op erkende uitgestelde belastingvorderingen op fiscale verliezen.De Groep heeft een uitgestelde belastingvordering (na waardevermindering) geboekt op een beperkt deel van deze fiscaal overdraagbare verliezen en andere aftrekken per 31 december 2025, voor een bedrag van k€300 (2024: k€ 574) aangezien er significante onzekerheid bestaat over de mogelijkheid om een groot deel deze fiscaal overdraagbare verliezen en andere aftrekken te kunnen gebruiken binnen een redelijke termijn. Er werden uitgestelde belastingen voor fiscale verliezen (na waardevermindering) in rekening gebracht bij Innolumis (k€ 194), SAIT (k€ 77) en Option (k€ 29). Het bedrag van de aangelegde waardevermindering bij SAIT bedraagt k€ 66 op een bedrag van k€ 349 aan fiscale verliezen. 73

TOELICHTING 9. Goodwill

In duizend EUR Goodwill
Aanschaffingswaarde
Saldo op 1 januari 2025 34 962
Verkoop van dochtervennootschappen ( 3 473)
Saldo op 31 december 2025 31 489
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen
Saldo op 1 januari 2025 ( 30 519)
Verkoop van dochtervennootschappen 1 959
Saldo op 31 december 2025 ( 28 560)
Netto boekwaarde
Op 1 januari 2025 4 443
Op 31 december 2025 2 929
In duizend EUR Goodwill
Aanschaffingswaarde
Saldo op 1 januari 2024 35 623
Liquidatie van dochtervennootschappen ( 661)
Saldo op 31 december 2024 34 962
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen
Saldo op 1 januari 2024 ( 29 221)
Bijzondere waardeverminderingen ( 1 959)
Liquidatie van dochtervenootschappen 661
Saldo op 31 december 2024 ( 30 519)
Netto boekwaarde
Op 1 januari 2024 6 402
Op 31 december 2024 4 443

74

De netto boekwaarde van goodwill op 31 december 2024 kan aan de volgende kasstroomgenererende eenheden worden toegewezen:

Kasstroom genererende eenheid Onderdeel van segment 31 december 2023 (Bijzondere waardever- mindering) Deconsolidatie 31 december 2024
Lighting Innolumis 1 095 - - 1 095
Installatieoplossingen SAIT 396 - - 396
Cloudgates Option 1 438 - - 1 438
Remoticom Option - ( 3 473) ( 1 959) 1 514
Beëindigd Totaal 6 402 ( 1 959) -

De netto boekwaarde van goodwill op 31 december 2025 kan aan de volgende kasstroomgenererende eenheden worden toegewezen:

Kasstroom genererende eenheid Onderdeel van segment 31 december 2024 (Bijzondere waardever- mindering) Deconsolidatie 31 december 2025
Lighting Innolumis 1 095 - - 1 095
Installatieoplossingen SAIT 396 - - 396
Cloudgates Option 1 438 - - 1 438
Remoticom Option - Beëindigd 1 514 - ( 1 514) -
Totaal 4 443 - ( 1 514) 2 929

De legale entiteiten Remoticom Holding BV, Remoticom BV, Remoticom Projects BV en Unitech Solutions Ltd vormden samen een enkele kasstroom genererende eenheid (Remoticom) aangezien contracten van de belangrijkste klanten gezamenlijk door de vennootschappen werden uitgevoerd die voorheen waren opgenomen in segment Option – Beëindigd. Deze Remoticom-CGU werd op 30 juni 2025 beschouwd als activa aangehouden voor verkoop en eind augustus 2025 voor 51% verkocht en de resterende aangehouden deelneming van 49% werd na verkoop 2025 opgenomen in de consolidatie volgens de vermogensmutatiemethode. Zie verder in Toelichtingen 14 en 15.

De Groep heeft per 31 december 2025 een analyse uitgevoerd voor bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill waarvan de belangrijkste assumpties en bevindingen hieronder worden weergegeven per kasstroom genererende eenheid. Deze analyses zijn telkens uitgevoerd op basis van een verdisconteerd kasstroommodel welke de kasstromen bevat voor de komende 5 jaar en een residuele waarde vanaf het zesde jaar. De inschattingen in de verschillende oefeningen voor bijzondere waardeverminderingen zijn gebaseerd op ervaringen uit het verleden, bestaande overeenkomsten en vooruitzichten van bestaande klanten en partners, aangevuld waar relevant met marktevoluties. Niettegenstaande de Raad van Bestuur van mening is dat de per 31 december 2025 opgenomen bedragen afdoende onderbouwd zijn door de onderliggende budgetten en businessplannen blijft de realisatie hiervan onderhevig aan een aantal veronderstellingen waarbij sprake is van de onzekerheden zoals vermeld in toelichting 31 Met deze onzekerheden werd rekening gehouden in de analyse voor bijzondere waardeverminderingen door in de WACC-berekening een bedrijfsspecifieke risicofactor toe te voegen alsook door middel van het toetsen van sensitiviteiten. 75

Lighting

De Groep heeft een oefening voor bijzondere waardeverminderingen uitgevoerd op de goodwill van de kasstroom genererende eenheid Lighting die de legale entiteiten Innolumis Public Lighting BV en Innolumus South Africa bevat. De oefening is gebaseerd op een verdisconteerd kasstroommodel welke de kasstromen bevat voor de komende 5 jaar en een residuele waarde vanaf het zesde jaar. De belangrijkste assumpties zijn de verdisconteringsvoet voor belastingen (pre-tax WACC) van 18,84% (2024: 16,72%) en een perpetuele groeivoet van 2% (2024: 2%). De overige assumpties zijn de jaarlijks verwachte groei van de omzet met een gemiddelde van 14,2% (2024: 9,9%), de brutomarge van gemiddeld 39,7% (2024: 39,8%) van de omzet en de overige operationele kosten van gemiddeld 24,7% (2024: 24,3%) van de omzet. De realiseerbare waarde werd geschat op k€ 3 477 (2024: k€ 3 519) welke ongeveer k€ 1 710 (2024: k€ 1 962) hoger is dan de boekwaarde van de kasstroom genererende eenheid. Op basis van bovenstaande informatie heeft het management geoordeeld dat er geen bijkomende waardevermindering diende geboekt te worden.

Installatieoplossingen

De Groep heeft een oefening voor bijzondere waardeverminderingen uitgevoerd op de goodwill van de kasstroom genererende eenheid installatieoplossingen die de legale entiteit Sait BV omvat. Deze maakt deel uit van het operationeel segment “SAIT” vanaf dit jaar (voorheen Solutions). De oefening is gebaseerd op een verdisconteerd kasstroommodel welke de kasstromen bevat voor de komende 5 jaar en een residuele waarde vanaf het zesde jaar. De belangrijkste assumpties zijn de verdisconteringsvoet voor belastingen (pre-tax WACC) van 18,80% (2024: 17,05%) en een perpetuele groeivoet van 2% (2024: 2%). De overige assumpties zijn de jaarlijks verwachte groei van de omzet met een gemiddelde van 8,4% (2024: 6,3%), de brutomarge van gemiddeld 30,4% (2024: 31,3%) van de omzet en het niveau van de overige operationele kosten van gemiddeld 18,7% (2024: 17,7%) van de omzet. De realiseerbare waarde werd geschat op k€ 1 830 (2024: k€ 3 017) welke ongeveer k€ 999hoger (2024: k€ 2 569 hoger) was dan de boekwaarde van de kasstroom genererende eenheid. Op basis van bovenstaande informatie heeft het management geoordeeld dat er geen bijkomende waardevermindering diende geboekt te worden.

Cloudgates

De Groep heeft een oefening voor bijzondere waardeverminderingen uitgevoerd op de goodwill van de kasstroom genererende eenheid Cloudgates die legale entiteit Option NV omvat. Deze maakt deel uit van het operationeel segment “Option”. De oefening voor bijzondere waardeverminderingen op deze goodwill werd voor het huidige jaar gebaseerd op een verdisconteerd kasstroommodel welke de kasstromen bevat voor de komende 5 jaar en een residuele waarde vanaf het zesde jaar. De belangrijkste assumpties zijn de verdisconteringsvoet voor belastingen (pre-tax WACC) van 20,37% (2024: 19,52%) en een perpetuele groeivoet van 2% (2024: 2%). De overige assumpties zijn de jaarlijks verwachte groei van de omzet met een gewogen gemiddelde van 11,2% (2024: 9,6%), de brutomarge van gewogen gemiddeld 46,6% (2024: 48,7%) van de omzet en het niveau van de overige operationele kosten van gewogen gemiddeld 33,4% (2024: 35,2%) van de omzet. De realiseerbare waarde werd geschat op k€ 3 765 (2024: k€ 1085) welke ongeveer k€ 1 154 hoger (2024: k€ 4 lager) was dan de boekwaarde van de kasstroom genererende eenheid. Een stijging van de verdisconteringsvoet met +1%, met stabiele perpetuele groeivoet, zou ertoe leiden dat de realiseerbare waarde daalt tot k€ 3 473. Deze zou dan nog k€ 862 hoger zijn dan de boekwaarde 76 van de kasstroom genererende eenheid. Een daling in gebudgetteerde omzet en cost of sales van 5% met stabiele overige operationele kosten, zou leiden tot een impairment van k€ 114. Een daling in gebudgetteerde omzet en cost of sales van 10% met stabiele overige operationele kosten, zou leiden tot een impairment van k€ 1 383. 77

TOELICHTING 10. Immateriële vaste activa

In duizend EUR Geactiveerde ontwikkelings-kosten Software Technologie Overige immateriële vaste activa Totaal
Aanschaffingswaarde
Saldo op 1 januari 2025 1 693 2 213 5 007 2 358 11 271
Verwervingen 251 - - - 251
Deconsolidatie ( 660) - ( 1 898) ( 1 110) ( 3 668)
Saldo op 31 december 2025 1 284 2 213 3 109 1 248 7 854
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen
Saldo op 1 januari 2025 ( 750) (2 209) (3 390) (1 371) (7 720)
Afschrijvingen ( 350) ( 4) ( 140) ( 126) ( 620)
Deconsolidatie 278 - 664 633 1 575
Saldo op 31 december 2025 ( 822) (2 213) (2 866) ( 864) (6 765)
Netto boekwaarde
Op 1 januari 2025 943 4 1 617 987 3 551
Op 31 december 2025 462 0 243 384 1 090

78

In duizend EUR Geactiveerde ontwikkelings-kosten Software Technologie Overige immateriële vaste activa Totaal
Aanschaffingswaarde
Saldo op 1 januari 2024 1 295 2 398 5 067 2 358 11 118
Verwervingen 398 - - - 398
Deconsolidatie - ( 185) ( 60) - ( 245)
Saldo op 31 december 2024 1 693 2 213 5 007 2 358 11 271
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen
Saldo op 1 januari 2024 ( 328) (2 362) (3 203) (1 211) (7 104)
Afschrijvingen ( 422) ( 33) ( 235) ( 160) ( 850)
Bijzondere waardeverminderingen - - ( 12) ( 365) ( 377)
Deconsolidatie - 186 60 365 611
Saldo op 31 december 2024 ( 750) (2 209) (3 390) (1 371) (7 720)
Netto boekwaarde
Op 1 januari 2024 967 36 1 864 1 147 4 014
Op 31 december 2024 943 4 1 617 987 3 551

De overige immateriële vaste activa bestaan voor k€ 384 netto boekwaarde uit klantenrelaties, met name voor Option NV.De verwervingen bedragen k€ 251 (2024: k€ 398) en betreffen hoofdzakelijk intern geactiveerde ontwikkelingskosten voor k€ 100 voor de Cloudgate Probe en voor k€ 151 voor de nieuwe Cloudgate NeXuS. In 2024 heeft de ‘Deconsolidatie’ betrekking op de verkoop van 2Invision, in 2025 op de Remoticom- entiteiten die per 30 juni 2025 beschouwd worden als activa aangehouden voor verkoop en eind augustus 2025 voor 51% verkocht werden, waarna de resterende aangehouden deelneming van 49% na verkoop opgenomen wordt in de consolidatie volgens de vermogensmutatiemethode. Zie verder in Toelichting 14 en 15.

79

TOELICHTING 11. Materiële vaste activa

De veranderingen in de boekwaarde van de materiële vaste activa kan als volgt gepresenteerd worden:

In duizend EUR Machines en gebouwen Meubilair en computer- uitrusting Terreinen en rollend materieel Recht-op- gebruik activa Inrichtingen Totaal
Aanschaffingswaarde
Saldo op 1 januari 2025 - 1 230 19 2 386 107 3 742
Verwervingen - 143 2 349 - 494
Buitengebruikstellingen - - - ( 448) - ( 448)
Lease modificaties - - - 259 - 259
Andere - ( 3) - 9 - 6
Deconsolidatie - ( 74) ( 2) ( 505) - ( 581)
Saldo op 31 december 2025 - 1 296 19 2 050 107 3 472
Afschrijvingen
Saldo op 1 januari 2025 - ( 1 175) ( 16) ( 1 309) ( 57) ( 2 557)
Afschrijvingen - ( 34) ( 2) ( 393) ( 14) ( 443)
Buitengebruikstellingen - - - 419 - 419
Andere - 3 1 ( 10) - ( 6)
Lease modificaties - - - 35 - 35
Deconsolidatie - 58 2 332 - 392
Saldo op 31 december 2025 - ( 1 148) ( 15) ( 926) ( 71) ( 2 160)
Netto boekwaarde
Op 1 januari 2025 - 55 3 1 077 50 1 185
Op 31 december 2025 - 148 4 1 124 36 1 312

80

In duizend EUR Machines en gebouwen Meubilair en computer- uitrusting Terreinen en rollend materieel Recht-op- gebruik activa Inrichtingen Totaal
Aanschaffingswaarde
Saldo op 1 januari 2024 - 1 190 25 2 037 109 3 361
Verwervingen - 42 2 358 - 402
Buitengebruikstellingen - - - ( 514) - ( 514)
Lease modificaties - - - 102 - 102
Deconsolidatie - ( 2) ( 8) 403 ( 2) 391
Saldo op 31 december 2024 - 1 230 19 2 386 107 3 742
Afschrijvingen
Saldo op 1 januari 2024 - ( 1 091) ( 17) ( 1 066) ( 44) ( 2 218)
Afschrijvingen ( 15) ( 107) ( 13) ( 563) ( 15) ( 713)
Verwervingen - - - ( 12) - ( 12)
Buitengebruikstellingen - 1 - 514 - 515
Lease modificaties - - - 49 - 49
Deconsolidatie 15 22 14 ( 231) 2 ( 178)
Saldo op 31 december 2024 - ( 1 175) ( 16) ( 1 309) ( 57) ( 2 557)
Netto boekwaarde
Op 1 januari 2024 - 99 8 971 65 1 143
Op 31 december 2024 - 55 3 1 077 50 1 185

De investeringen in materiële vaste activa in 2025 bedragen k€ 494 (2024: k€ 402). Hiervan betreft k€ 349 (2024: k€358) verwervingen van recht-op-gebruik activa die geen aanleiding geven tot een kasuitgave op de lijn verwerving van materiële vaste activa in het geconsolideerd kasstroomoverzicht, aangezien voor deze verwervingen een leaseschuld werd opgenomen. De overige verwervingen in materiële vaste activa bedragen k€ 145 (2024: k€ 44) en geven aanleiding tot een kasuitgave in de investeringsactiviteiten.

In 2024 heeft de ‘Deconsolidatie’ betrekking op de verkoop van 2Invision, in 2025 op de Remoticom- entiteiten die per 30 juni 2025 beschouwd worden als activa aangehouden voor verkoop en eind augustus 2025 voor 51% verkocht werden, waarna de resterende aangehouden deelneming van 49% na verkoop opgenomen wordt in de consolidatie volgens de vermogensmutatiemethode. Zie verder in Toelichting 14 en 15.

81

TOELICHTING 12. Leasing en recht-op-gebruik activa

LEASING ALS LEASINGNEMER

De Groep is leasingnemer van enkele kantoorgebouwen. De contracten met betrekking tot gehuurde gebouwen hebben een looptijd die varieert van 4 tot 9 jaar. Daarnaast huurt de Groep bedrijfswagens met een gemiddelde looptijd van 4 jaar, dewelke het erkent onder IFRS 16 als recht-op-gebruik activa. Er zijn geen toekomstige kasuitstromen met betrekking tot nog niet aangevangen huurovereenkomsten waartoe de leasingnemer zich heeft verbonden. De toekomstige kasuitstromen waaraan de leasingnemer mogelijks zal worden blootgesteld met betrekking tot verlengingsopties voor zowel terreinen en gebouwen alsook rollend materieel en niet zijn weergegeven in de leaseverplichtingen, zijn niet van toepassing. De opties met betrekking tot verlenging betreffen opties waarbij de leasingnemer het recht heeft om de huurperiode met een bepaalde periode te verlengen aan het dan geldende huurbedrag. Er zijn geen toekomstige kasuitstromen met betrekking tot beëindigingsopties. De recht-op-gebruik activa worden gepresenteerd als materieel vast actief. We verwijzen naar toelichting 14.

In duizend EUR Terreinen en gebouwen Rollend materieel Overige uitrusting Totaal
Netto boekwaarde op 1 januari 2024 713 173 85 971
Afschrijvingen ( 257) ( 269) ( 37) ( 563)
Verwervingen van recht-op-gebruik activa - 346 - 346
Uitboekingen van recht-op-gebruik activa 7 ( 7) - -
Lease Modificaties 136 15 - 151
Verkoop dochtervennootschappen 52 102 18 172
Netto boekwaarde op 31 december 2024 651 360 66 1 077
Afschrijvingen ( 197) ( 185) ( 11) ( 393)
Verwervingen van recht-op-gebruik activa 0 349 0 349
Uitboekingen van recht-op-gebruik activa - ( 19) ( 10) ( 29)
Lease Modificaties 260 34 - 294
Deconsolidatie ( 112) ( 17) ( 45) ( 174)
Netto boekwaarde op 31 december 2025 602 522 - 1 124

De beweging van de leaseschulden is als volgt:

In duizend EUR 2025 2024
Totale lease verplichting op 1 januari 1 110 971
Aflossingen van leasingschulden ( 386) ( 507)
Buitengebruikstellingen ( 29) -
Lease modificaties 293 134
Deconsolidatie ( 156) 166
Nieuwe lease verplichtingen 349 346
Totale lease verplichting op 31 december 1 181 1 110

82

In onderstaande tabel zijn de bedragen toegelicht die erkend werden in de geconsolideerde resultatenrekening:

In duizend EUR 2025 2024 * aangepast
Lease overeenkomsten onder IFRS 16
Interest op lease verplichtingen 52 48
Kosten van korte-termijn leases en activa met lage waarde 90 73

De interest op leaseverplichtingen is opgenomen in de financiële kosten in de geconsolideerde resultatenrekening. De kosten van korte-termijn leases en activa met lage waarde is opgenomen voor k€ -9 (2024: k€ 9) in de kostprijs van de verkochte goederen in de geconsolideerde resultatenrekening, voor k€ 31k (2024: k€ 19) in onderzoeks- en ontwikkelingskosten, voor k€ 40 (2024: k€ 13) in de kosten van verkoop, marketing en royalties en voor k€ 28 (2024: k€ 32) in de algemene en administratieve kosten.

LEASING ALS LEASINGGEVER

Er zijn geen huurgelden van niet-verbreekbare onderverhuurde huurcontracten.

83

TOELICHTING 13. Overheidssteun

In duizend EUR 2025 2024
Op 1 januari 159 362
Ontvangen tijdens het jaar - 33
Erkend door de geconsolideerde resultatenrekening ( 73) ( 236)
Op 31 december 86 159
Korte termijn 74 73
Lange termijn 12 86

De Groep is in 2019 een project gestart in samenwerking met Tres BV dat bijdraagt aan het innoveren en ontwikkelingen in het domein van ‘Smart Cities’ (https://tres.city/). De Groep heeft als partner in het project meegewerkt aan het ontwikkelen van een prototype van een intelligente lichtkolom. Voor het project werd een subsidiedossier ingediend en goedgekeurd bij het Vlaams Agentschap voor Innoveren en Ondernemen, VLAIO. De Groep heeft een subsidie ontvangen ten belope van 45% van de werkelijke kosten, wat overeenkomt met k€ 367. De laatste schijf van k€ 71 hiervan werd begin 2023 ontvangen. Deze intelligente lichtkolom werd intussen op de markt gebracht, en eerste verkopen werden in de loop van 2022 en 2023 gerealiseerd. De netto geactiveerde ontwikkelingskosten voor het TRES project hebben op 31 december 2025 een netto boekwaarde van k€ 164 (2024: k€ 304). Het bedrag opgenomen als uitgestelde opbrengsten bedraagt k€ 86 (2024: k€ 159) en is opgenomen in de lijn ‘Handels- en overige schulden’ bij de langlopende verplichtingen op de geconsolideerde balans. Zowel de afschrijvingen van de geactiveerde ontwikkelingskosten, als de inresultaatname van de ontvangen subsidie worden vanaf maart 2022 in de resultatenrekening opgenomen op basis van de verwachte economische levensduur van 60 maanden. De inresultaatname op 31 december 2025 bedraagt k€ 74 en is opgenomen in de lijn ‘Overige opbrengsten’ in de geconsolideerde resultatenrekening; de jaarlijkse afschrijvingslasten bedragen k€ 140.

Daarnaast was de Groep in 2021 eveneens een project gestart in samenwerking met Verhaert New Product & Services (VNPS) en DroneMatrix, samen met onderzoekspartners IMEC en IDLab. Met dit project wil de Groep de toekomst van zijn vlaggenschipgateway CloudGate veiligstellen door een 5G-variant te ontwikkelen, prototypen en testen en dit moet leiden naar een nieuwe generatie CloudGate. Voor het project werd een subsidiedossier ingediend en goedgekeurd bij het Vlaams Agentschap voor Innoveren en Ondernemen, VLAIO. De Groep heeft een subsidie ontvangen ten belope van 45% van de geschatte kosten, wat overeenkomt met k€ 162. De laatste schijf van k€ 33 werd op 8 maart 2024 ontvangen. Het volledige bedrag van k€ 162 werd in 2024 in resultaat genomen, vermits het project in 2024 werd afgerond en er in de vorige jaren geen ontwikkelingskosten voor dit project werden geactiveerd. We verwijzen naar de waarderingsregels inzake overheidssubsidies waarin de keuze werd gemaakt de subsidies betreffende ontwikkelde actief te presenteren als uitgestelde opbrengsten, dewelke systematisch in de resultatenrekening worden genomen gespreid over de gebruiksduur van het actief. De uitgestelde opbrengsten zijn opgenomen in de rubriek van de handels- en overige schulden van de geconsolideerde balans.

84

TOELICHTING 14. Investeringen in geassocieerde deelnemingen

Per 31 december 2024 had de Groep geen deelnemingen in geassocieerde deelnemingen. Eind augustus 2025 heeft Option 51% van haar participatie in Remoticom Group verkocht. De Remoticom Group bestaat uit Remoticom Holding BV (als holding van de subgroep), Remoticom BV, Remoticom Projects BV en Unitech Solutions Ltd.Remoticom ontwikkelt en produceert IoT‑ en sensorgebaseerde oplossingen, met name slimme verlichtingssystemen en controllers, die worden toegepast in openbare en professionele omgevingen. De activiteiten omvatten het ontwerpen, ontwikkelen en leveren van standaard- en maatwerkoplossingen die bijdragen aan energie‑efficiëntie, veiligheid en duurzaamheid. Remoticom B.V. heeft haar voornaamste bedrijfsactiviteiten in Tilburg, Nederland, zijnde tevens het land van oprichting.

Als gevolg van deze transactie houdt de Groep vanaf dat moment een minderheidsbelang van 49% aan in Remoticom Holding BV, naast de nieuwe meerderheidsaandeelhouder. Dit belang wordt aangehouden met het oog op een blijvende industriële en commerciële samenwerking en om te participeren in de toekomstige waardecreatie, zonder dat de Groep nog operationele controle uitoefent. De 51% participatie in de Remoticom subgroep werd verkocht voor een totale vergoeding van k€1.084 en bestond uit:
- k€886 betaald in aandelen van Option NV, mogelijk gemaakt en gefaciliteerd via Van Zele Holding NV waardoor de schuld van Option NV aan Van Zele Holding NV met hetzelfde bedrag daalde;
- k€150 in speciën; en
- k€48 door overname van een schuld van Option NV.

Voor verslaggevingsdoeleinden werd 31 augustus 2025 vastgesteld als de datum waarop de zeggenschap over Remoticom Holding BV verloren ging. Overeenkomstig IFRS 12 en IAS 28 heeft de Groep vastgesteld dat zij, ondanks het ontbreken van controle of gezamenlijke controle, wel een aanmerkelijke invloed uitoefent op Remoticom Holding BV. Bijgevolg wordt de deelneming vanaf de datum van verlies van zeggenschap verwerkt als een geassocieerde deelneming volgens de equity‑methode, zoals voorgeschreven door IAS 28. Deze verwerking is uitsluitend gebaseerd op het actuele eigendomsbelang en houdt geen rekening met potentiële stemrechten uit niet‑uitoefenbare opties.

In het kader van de aandeelhoudersovereenkomst zijn wederzijdse koopopties overeengekomen tussen Option en de meerderheidsaandeelhouder met betrekking tot de door hen gehouden aandelen in de Remoticom groep:
- Option beschikt over een koopoptie (verder “Option Call-optie“) om, onder bepaalde voorwaarden, de door de meerderheidsaandeelhouder gehouden aandelen te verwerven indien vooraf vastgestelde operationele doelstellingen, waaronder een minimale EBITDA over een rolling twaalfmaandsperiode, niet binnen de overeengekomen termijn na de transactiedatum worden gerealiseerd;
- Daarnaast beschikt de meerderheidsaandeelhouder, onder voorwaarde dat de vooraf vastgestelde operationele doelstellingen wél binnen de overeengekomen termijn worden gerealiseerd, over een koopoptie (verder “Call-optie Meerderheidsaandeelhouder”) om gedurende een vooraf bepaalde periode de door Option gehouden aandelen te verwerven tegen een prijs die is gebaseerd op een multiple van de gemiddelde EBITDA van de Vennootschap over de twee meest recente boekjaren, gecorrigeerd voor netto kasmiddelen en schulden op basis van een going‑concernbenadering.

De uitoefening van deze koopopties is afhankelijk van het vervullen van specifieke contractuele voorwaarden en termijnen en kan leiden tot een wijziging in de zeggenschapsverhoudingen binnen de Vennootschap: 85 - Binnen een initiële beoordelingsperiode van 18 maanden wordt vastgesteld of de overeengekomen EBITDA‑doelstellingen worden gerealiseerd. Deze periode kan éénmalig worden verlengd met maximaal 6 maanden, mits voorafgaande schriftelijke kennisgeving door de betrokken aandeelhouder. Indien de doelstellingen niet worden gerealiseerd binnen de toepasselijke beoordelingsperiode, kan Option zijn koopoptie uitoefenen gedurende een periode van 3 maanden na het verstrijken daarvan. Indien de doelstellingen wel worden gerealiseerd, kan de meerderheidsaandeelhouder zijn koopoptie uitoefenen 1 maand na het einde van het relevante boekjaar.

Zowel de eventuele calloptie waarover Option beschikt als de eventuele calloptie van de meerderheidsaandeelhouder zijn op balansdatum nog niet uitoefenbaar en worden derhalve niet beschouwd als substantieve rechten bij de beoordeling van zeggenschap of aanmerkelijke invloed. Deze beoordeling zal opnieuw worden uitgevoerd zodra deze opties uitoefenbaar worden.

Op basis van IFRS 10 heeft de Groep beoordeeld dat zij na de verkoop geen zeggenschap meer uitoefent over Remoticom Holding BV. De meerderheidsaandeelhouder beschikt over de meerderheid van de stemrechten en benoemt het bestuursorgaan dat de feitelijke macht heeft om de relevante activiteiten aan te sturen die een significante invloed hebben op het rendement van de entiteit.

Het management is van oordeel dat de reële waarde van zowel de door Option aangehouden Call- optie als de door de meerderheidsaandeelhouder aangehouden Call-optie op de aandelen van Remoticom niet significant zijn op 31 december 2025 gezien het opgelopen verlies per 31 December 2025, het feit dat geen van beide uitoefenbaar zijn op 31 December 2025 en de prijsformules die van toepassing zijn bij beide call-opties. Derhalve werd voor deze opties een reële waarde weerhouden van Eur 0 op 31 december 2025.

De reële waarde van de Remoticom Group op het moment van verlies van zeggenschap werd bepaald op basis van de impliciete waardering van het eigen vermogen die voortvloeit uit de markttransactie. Bij de bepaling van de reële waarde van het resterende belang werd rekening gehouden met met een korting voor het minderheidsbelang.

De deelname in de geassocieerde deelnemingen is weergegeven in de onderstaande tabel:

Remoticom Group Netto boekwaarde (in Keur)
Per 31/12/2024
Aanschaffingswaarde bij initiële opname 761
Aandeel in het resultaat van de geassocieerde deelneming -129
Per 31/12/2025 632

86

De kerncijfers van de participatie, opgesteld volgens Dutch GAAP, zijn als volgt:

Remoticom Group Winst- en Verliesrekening (in Keur)
Omzet 1 349
Brutomarge 603
OPEX -1 325
EBITDA -722
Afschrijvingen VA -412
Netto Financiële lasten -56
Resultaat voor belastingen -1 190
Belastingen
Nettoresultaat na belastingen -1 190
Remoticom Group Totaal kerncijfers (in Keur)
Immateriële vaste activa 745
Vaste activa 61
Latente belastingen (vordering) 362
Deelnemingen 76
Totaal vaste activa 1 244
Voorraden 110
Debiteuren 25
Overige activa 64
Totaal vlottende activa 199
Totaal activa (100%) per 31/12/2025 1 443
Eigen vermogen -1 073
Provisie datakosten 334
Langlopende leningen aandeelhouders 901
Langlopende leningen derden 234
Totaal langlopende schulden en provisies 1 469
Kortlopende schulden 1 047
Totaal kortlopende schulden 1 047
Totaal passiva (100%) per 31/12/2025 1 443

Reconciliatie tussen de kerncijfers van de participatie en het aandeel in het resultaat van investeringen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode, na belastingen:

2025 jan - aug sep - dec 2025 2025
Nettoresultaat na belastingen volgens Dutch GAAP -1 190 -927 -263
Aandeel van de groep in het resultaat -129

De Groep heeft slechts beperkte toegang tot gedetailleerde financiële informatie en kan geen sub‑consolidatie uitvoeren voor bovenvermelde entiteiten, aangezien deze entiteiten worden beheerd door de meerderheidsaandeelhouder. Gelet op deze beperkte toegang tot financiële gegevens en het 87 ontbreken van aanmerkelijke invloed, baseert het management zijn beoordeling op de informatie die redelijkerwijs beschikbaar is. Op basis hiervan verwacht het management dat dit geen materiële impact heeft op de geconsolideerde financiële overzichten.

88

TOELICHTING 15. Activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten

Beëindigde activiteiten 2024

Mid 2024 werd 2Invision verkocht. Beide 2Invision-dienstenbedrijven (2invision Managed Services NL en 2invision Managed Services BE, verder 2Invision) werden beschouwd disposal groep en als ‘beëindigde bedrijfsactiviteit’. Deze beoordeling werd gedaan, rekening houdend met het feit dat 2Invision het merendeel omvatte van het Services-segment alsook een kas genererende eenheid was van de Groep en derhalve werd beschouwd als belangrijke bedrijfsafdeling, waardoor bij toepassing van IFRS 5, 2Invision in de reikwijdte valt van “beëindigde bedrijfsactiviteiten”. Voor de eigendomsoverdracht van de 2Invision groep werd de minderheidsparticipatie van de vennootschap 2Invision Managed Services België NV aangekocht voor een bedrag van k€ 65. De verkoop onderhandelingen en due diligence proces, en dus de eigendomsoverdracht, werden afgerond op 27 juni 2024. 2Invision werd verkocht voor €6,5 miljoen. Gezien 2Invision er niet is in geslaagd haar jaarobjectieven te halen in 2024, werd de daarmee gekoppelde earnout van €0,75 miljoen niet gerealiseerd.

Beëindigde activiteiten 2025

Vanaf 30 juni 2025 werd de Remoticom-groep (Remoticom Holding BV, Remoticom BV, Remoticom Projects BV en Unitech Solutions Ltd) beschouwd als disposal groep gelet op de intentie van de Groep, zoals werd besproken in het bestuursorgaan in juni 2025, om over te gaan tot verkoop van een 51% belang van deze groep. De beoordeling als beëindigde bedrijfsactiviteit werd gedaan rekening houdend dat Remoticom een aanzienlijk deel omvatte van het Solutions-segment alsook een kasgenererende eenheid is van de Groep en derhalve wordt beschouwd als belangrijke bedrijfsafdeling waarvoor bij toepassing van IFRS 5 in de reikwijdte valt van “beëindigde bedrijfsactiviteiten”. De verkoop onderhandelingen en due diligence proces, en dus de eigendomsoverdracht, werden eind augustus 2025 afgerond. De 51% participatie in Remoticom werd verkocht voor k€ 1 084, waarvan k€ 886 met aandelen van Option NV werd betaald (deze werd mogelijk gemaakt en gefaciliteerd via Van Zele Holding NV waardoor de schuld van Option NV aan Van Zele Holding NV met hetzelfde bedrag daalde), k€ 150 in speciën en k€ 48 door overname van een schuld van Option NV. De opbrengsten van de verkoop zullen bijdragen aan de financiële stabiliteit en werkkapitaal financiering van Sait, Innolumis en Option.Het netto-resultaat tot datum van verkoop van de Remoticom-activiteiten is opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening onder beëindigde bedrijfsresultaten. De resultatenrekening voor de beëindigde bedrijfsactiviteiten is als volgt:

89

Voor de periode afgesloten op 2025 2024 2024 2024
In duizend EUR Remoticom 2Invision Remoticom Totaal
Bedrijfsactiviteiten gerelateerd aan de verkoop van bedrijfseenheden
Opbrengsten 796 2 778 2 596
Kostprijs verkochte goederen ( 402) ( 1 652) ( 1 308)
Brutowinst 394 1 126 1 288
Overige opbrengsten 4 58 ( 27)
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten ( 250) - ( 556)
Kosten van verkoop, marketing en royalty’s ( 100) ( 27) ( 225)
Algemene en administratieve kosten ( 785) ( 688) ( 873)
Bijzondere waardeverminderingen op goodwill en immateriële activa - - ( 1 959)
Totale bedrijfskosten ( 1 135) ( 715) ( 3 613)
Bedrijfswinst (verlies) ( 737) 469 ( 2 352)
Financiële kosten ( 56) ( 14) ( 62)
Financiële opbrengsten - - 9
Financieel resultaat ( 56) ( 14) ( 53)
Winst (verlies) vóór belastingen ( 793) 455 ( 2 405)
Belastingen 19 ( 18) ( 37)
Nettowinst (-verlies) van de periode uit beëindigde activiteiten ( 774) 437 ( 2 442)
Gerealiseerde meerwaarde op verkoop van beëindigde bedrijfsactiviteiten 292 706 -
Nettowinst (-verlies) van de periode ( 482) 1 143 ( 2 442)

Tijdens het boekjaar werd Remoticom verkocht voor een verkoopprijs van € 1,08 miljoen. In het kader van de transactie behield de Groep een niet-controlerend belang in Remoticom, waarvan de fair value op transactiedatum werd bepaald. De transactie heeft geleid tot een gerealiseerde meerwaarde op verkoop van € 0,29 miljoen, die is verantwoord onder de post “Gerealiseerde meerwaarde op verkoop van beëindigde bedrijfsactiviteiten” in de geconsolideerde resultatenrekening.

90

Deze meerwaarde vloeit voort uit het verschil tussen (i) de som van de ontvangen verkoopprijs van € 1,08 miljoen en de fair value van het aangehouden belang op het ogenblik van het verlies van control enerzijds, en (ii) de uitboeking van de goodwill (€ 1,51 miljoen) en het netto‑actief van Remoticom op het ogenblik van overdracht anderzijds. Tijdens het boekjaar 2024 werd 2Invision verkocht voor een verkoopprijs van € 6,5 miljoen. De transactie heeft geleid tot een gerealiseerde meerwaarde op verkoop van € 0,7 miljoen, welke is verantwoord onder de post “Gerealiseerde meerwaarde op verkoop van beëindigde bedrijfsactiviteiten” in de geconsolideerde resultatenrekening. De meerwaarde komt tot stand door het verschil tussen de verkoopprijs (€ 6,5 miljoen) enerzijds en de uitboeking van de goodwill (€ 4,6 miljoen) en netto-actief van 2Invision bij overdracht (beide per 31 december 2023 opgenomen bij ‘Activa aangehouden voor verkoop’) anderzijds.

Het kasstroomoverzicht voor de beëindigde activiteiten is als volgt:

Voor de periode afgesloten op 2025 2024 2024 2024
In duizend EUR Remoticom 2Invision Remoticom Totaal
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten - 72 242
Kasstroom uit investeringsactiviteiten ( 9) ( 4) ( 264)
Kasstroom verstrekt / (gebruikt) uit financieringsactiviteiten 11 ( 83) ( 51)
Netto toename/(afname) van liquide middelen 2 ( 15) ( 73)

91

TOELICHTING 16. Handels- en overige vorderingen

HANDELS- EN OVERIGE VORDERINGEN OP KORTE TERMIJN

In duizend EUR 31 december 2025 31 december 2024
Handelsvorderingen 1 711 3 361
Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen ( 94) ( 518)
Subtotaal 1 617 2 843
Terugvorderbare BTW 75 17
Overige vorderingen 218 342
Subtotaal 293 359
Totaal 1 910 3 202

Handelsvorderingen zijn niet-rentedragend en hebben betalingstermijnen tussen 30 en 90 dagen. De afname van de handelsvorderingen wordt verklaard door:
- de Remoticom-entiteiten die per 30 juni 2025 beschouwd worden als activa aangehouden voor verkoop en eind augustus 2025 voor 51% verkocht werden, waarna de resterende aangehouden deelneming van 49% na verkoop opgenomen wordt in de consolidatie volgens de vermogensmutatiemethode. Zie verder in Toelichting 14 en 15.
- Lagere openstaande handelsvorderingen als gevolg van daling omzet bij SAIT ten opzichte van 2024.

Vervaldagenbalans van handelsvorderingen:

Bruto Bedrag Waardeverminderingen
In duizend EUR 2025 2024 2025 2024
< 60 dagen 1 493 2 532 - -
60 - 90 dagen 85 183 - -
90 - 120 dagen 45 92 ( 6) -
> 120 dagen 88 554 ( 88) ( 518)
Totaal 1 711 3 361 ( 94) ( 518)

Bewegingen in de voorziening voor dubieuze debiteuren:

In duizend EUR 31 december 2025 31 december 2024
Balans bij het begin van het boekjaar ( 518) ( 618)
Toevoeging aan de voorziening ( 34) ( 46)
Afgeschreven - 125
Vrijgegeven 14 7
Toevoeging door bedrijfscombinaties / verwijdering door disposals 444 14
Totaal ( 94) ( 518)

92

OVERIGE VORDERINGEN OP LANGE TERMIJN

In duizend EUR 31 december 2025 31 december 2024
Kaswaarborgen 84 111
Totaal 84 111

Overige vorderingen op lange termijn zijn vooral huurwaarborgen.

93

TOELICHTING 17. Voorraden

In duizend EUR 31 december 2025 31 december 2024
Grondstoffen 1 138 1 491
Goederen in bewerking 461 527
Voorraden afgewerkte producten 304 392
Werken in uitvoering 12 67
Voorafbetalingen - 161
Waardevermindering op voorraden ( 953) ( 1 312)
Totaal 962 1 326

De netto-voorraadwaarde daalde van k€ 1 326 naar k€ 962 aan het einde van 2025, enerzijds voornamelijk door een daling in de voorraden goederen in bewerking en afgewerkte producten, anderzijds door de daling in de vooruitbetalingen. Er zijn geen voorraden als borg gegeven aan schuldeisers. De werken in uitvoering betreffen voor een deel de contract activa in voorraad k€ 12 (2024: k€ 67) voor de installatieoplossingen van Sait BV. Zie ook toelichting 4 onder de rubriek IFRS 15.

TOELICHTING 18. Geldmiddelen en kasequivalenten

In duizend EUR 31 december 2025 31 december 2024
Banksaldi direct opvraagbaar 443 369
Totale geldmiddelen en kasequivalenten 443 369

Eind 2025 en 2024 heeft de Groep geen kortetermijndeposito’s. Er zijn geen beperkingen op de geldmiddelen gedurende 2025 en 2024.

94

TOELICHTING 19. Financiële schulden

In duizend EUR 31 december 2025 31 december 2024
Bankleningen - 1 632
Leasing schulden 1 181 1 109
Overige financiële schulden (*) 162 -
Totaal financiële schulden 1 343 2 741
waarvan:
Langlopend 929 713
Kortlopend 414 2 028

(*) Om het hoofd te bieden aan onverwachte kasbehoeften of transactionele vertragingen, sloot Option NV met Hexagon Capital Fund een overeenkomst voor de uitgifte van obligaties voor een bedrag van maximaal k€600. Elke obligatie heeft een nominale waarde van k€1 en heeft een looptijd van 24 maanden tegen een rentevoet van 10%. VZH heeft deze obligaties met zijn aandelen gegarandeerd (geen verdere verwatering). In geval van contractueel bepaalde situaties kan de openstaande schuld en verworven interest onmiddellijk opeisbaar worden door de obligatiehouder. Bij niet-betaling door Option binnen de contractueel bepaalde betaalperiode kan de obligatiehouder omzetting vragen van de openstaande schuld in aandelen van Option. Deze omzetting gebeurt op basis van een contractueel bepaalde formule die een korting voorziet op de VWAP van Option. De conversie-optie wordt beschouwd als embedded derivative waaraan evenwel een reële waarde van Eur 0 wordt toegekend op 31 December 2025. Tot op heden heeft Option NV voor k€200 aan obligaties uitgegeven. Eind 2025 beloopt het nog terug te betalen saldo k€162, waarvan k€99 kortlopend.

De belangrijkste financiële schulden zijn de volgende:
Het lange-termijn krediet oorspronkelijk over 5 jaar van Belfius Bank tbv. € 1,5 miljoen aan Option NV, dat per 31 december 2024 nog een saldo had van k€ 132 is in de loop van 2025 terugbetaald. Het korte-termijn krediet van Belfius Bank tbv. € 1,5 miljoen werd in 2025 eveneens volledig terugbetaald. De gegeven waarborgen op het handelsfonds van Option NV en op de aandelen van Crescent Ventures NV, Innolumis Public Lighting BV en SAIT BV werden door de bank vrijgegeven. Verder hebben enkele dochtervennootschappen nog leasingschulden voor een totaal bedrag van k€ 1,2 miljoen, waarvan k€ 866 langlopend en k€ 315 kortlopend.

95

Reconciliatie met het kasstroomoverzicht voor 2025:

In duizend EUR Openings- saldo Kasstromen Inbreng in kapitaal Verkoop Remoticom en Herclassificaties Remoticom disposal niet-kasbewegingen IFRS 16 niet-kasbewegingen niet-kasbewegingen Eindsaldo
Langlopende financiële schulden 713 63 - - ( 341) 543 ( 49) 929
Leasing schulden (*) 713 - - - ( 341) 543 ( 49) 866
Overige financiële schulden - 63 - - - - - 63
Schulden met verbonden partijen 2 750 2 590 - ( 3 784) ( 563) - - 993
Kortlopende financiële schulden 2 028 ( 1 918) - - 341 71 ( 108) 414
Bankschulden 1 631 ( 1 631) - - - - - -
Leasing schulden (*) 397 ( 386) - - 341 71 ( 108) 315
Overige financiële schulden - 99 - - - - - 99
Schulden met verbonden partijen 1 040 564 ( 934) - 563 - ( 446) 787
Overige kortlopende schulden 7 ( 7) - - - - - -
Totaal verplichtingen uit financieringsactiviteiten 6 538 1 292 ( 934) ( 3 784) - 614 ( 603) 3 123

(*) Voor meer informatie met betrekking tot de leasing schulden verwijzen we naar TOELICHTING 12. De kasstroom verstrekking / (gebruik) uit financieringsactiviteiten in de geconsolideerde kasstroomtabel bedraagt k€ 1 264 en omvat bovenstaande kasstromen ( k€ 1 292 ) en de betaling van overige bankkosten (k€-28). De beweging met betrekking tot de Verkoop Remoticom voor een bedrag van k€-934 betreft de niet kas-beweging naar aanleiding van de verkoop van 51% van de participatie in de Remoticom subgroup en omvat een daling van k€886 van de schuld van Option NV aan Van Zele Holding NV ( zie ook TOELICHTING 32 ). Voor meer informatie verwijzen we naar TOELICHTING 14.De beweging met betrekking tot de disposal Remoticom heeft betrekking op de Remoticom-entiteiten die per 30 juni 2025 beschouwd worden als activa aangehouden voor verkoop en eind augustus 2025 voor 51% verkocht werden, waarna de resterende aangehouden deelneming van 49% na verkoop opgenomen wordt in de consolidatie volgens de vermogensmutatiemethode. Zie verder in Toelichting 14 en 15. De totale beweging van k€-603 omvat naast de leasingschulden, k€-446 met betrekking 4 korte termijnleningen toegekend door 3 bestuurders (k€ 389) enerzijds en Van Zele Holding NV (k€ 57) anderzijds aan Remoticom. De schuld van Remoticom aan van Van Zele Holding NV betrof initieel k€ 157 en werd verminderd met k€ 100 als gevolg van de door Option overgenomen uitstaande lening aan Remoticom (zie ook TOELICHTING 32) . 96

Reconciliatie met het kasstroomoverzicht voor 2024:

In duizend EUR Openings-saldo Kasstromen Transfer naar dochtervennootschappen Inbreng kapitaal IFRS 16 Herclassificaties Verkoop van niet-kasbewegingen 'Passiva aangehouden voor verkoop' Eindsaldo
Langlopende financiële schulden
Bankschulden 132 - - - (132) - - -
Leasing schulden (*) 665 - - - (439) 487 - 713
Schulden met verbonden partijen 4 343 (1 343) - - (250) - 2 750
Kortlopende financiële schulden
Bankschulden 1 755 (277) - - 132 - 21 1 631
Leasing schulden (*) 306 (507) - - 439 159 - 397
Schulden met verbonden partijen 995 (705) - - 750 - - 1 040
Overige kortlopende schulden (**) 500 7 - - (500) - - 7
Totaal verplichtingen uit financieringsactiviteiten 8 696 (2 825) - - - 646 21 6 538

() Voor meer informatie met betrekking tot de leasing schulden verwijzen we naar toelichting 12.
(
*) Het bedrag van k€ 500 dat per eind 2023 opgenomen werd als ‘overige financiële schulden’ betreft echter een lening van k€ 500 van BLCC aan Crescent Ventures. Per eind 2024 wordt de schuld opgenomen als schuld aan verbonden partijen, zie ook TOELICHTING 32 voor verdere context. De kasstroom verstrekking / (gebruik) uit financieringsactiviteiten in de geconsolideerde kasstroomtabel bedraagt (k€ 2 726) en bestaat uit bovenstaande kasstromen. 97

TOELICHTING 20. Voorzieningen

In duizend EUR 1 januari 2025 Toevoeging (Aanwending) (Terugname) 31 december 2025
Juridische en overige claims 5 - (5) - -
Korte termijn voorzieningen 5 - (5) - -
Verplichting pensioenplannen 179 9 - - 188
Voorziening voor garantieverplichtingen 241 13 - - 254
Juridische en overige claims 96 - (24) - 72
Jubileumvoorziening 28 - - - 28
Lange termijn voorzieningen 544 22 (24) - 542
Totaal 549 22 (29) - 542
In duizend EUR 1 januari 2024 Toevoeging (Aanwending) (Terugname) 31 december 2024
Juridische en overige claims 5 - - - 5
Korte termijn voorzieningen 5 - - - 5
Verplichting pensioenplannen 181 - - (2) 179
Voorziening voor garantieverplichtingen 232 38 (29) - 241
Juridische en overige claims 121 - (25) - 96
Jubileumvoorziening - 28 - - 28
Lange termijn voorzieningen 534 66 (54) (2) 544
Totaal 539 66 (54) (2) 549

De voorziening voor garantieverplichtingen betreft een verplichting naar aanleiding van verkopen van Innolumis Public Lighting BV. De garantietermijn is 5 jaar. Voor elke verkoop wordt een dotatie van 2.5% van de kostprijs toegevoegd aan de garantievoorziening; op jaarlijkse basis wordt geëvalueerd of de gemaakte garantiekosten in lijn liggen van de verwachtingen, en beslist of het percentage van de dotatie in functie daarvan moet worden herzien. De lange termijn voorziening voor juridische en overige claims is het gevolg van een projectovereenkomst bij SAIT BV voor de vervanging van een mobilofoonsysteem voor openbaar transport. De initiële tijdsplanning van oplevering bepaald in het contract werd nadien niet nageleefd. De hoogte van deze claim werd begin 2019 bevestigd op k€ 250 voor de Groep en wordt sindsdien over de lopende tien jaren verrekend worden met de inkomsten van het servicecontract met de betrokken klant. In 2025 werd k€ 24 (2024: k€ 25) aangewend van deze provisie wat overeenkomt met de korting op het servicecontract van de klant voor 2025. De jubileumvoorziening is een voorziening voor de uitbetaling van een jubileumpremie aan personeelsleden van Option NV die een lustrum vieren. Onder de “verplichting pensioenplannen” zijn de door de Groep in België aangehouden pensioenplannen opgenomen. De Groep heeft in België pensioenplannen welke juridisch gezien plannen met vaste bijdragen zijn waarop de Belgische wetgeving van toepassing is (“Wet Vandenbroucke”). Hierdoor worden alle Belgische plannen met vaste bijdragen onder IFRS gekwalificeerd als een toegezegde-pensioenregeling. De Groep heeft enkel bij Option NV pensioenplannen die kwalificeren als toegezegde pensioenregeling. 98

De Belgische wetgeving stelt dat voor toegezegde-bijdrageregelingen, de werkgever een minimum rendement dient te garanderen dat gebaseerd is op een gemiddelde rendement op 10-jarige overheidsobligaties met een minimum van 1,75% en een maximum van 3,75% (momenteel gelijk aan 2,50%). Door deze minimum rendementsvereisten voor de toegezegde-bijdrageregelingen in België is de werkgever blootgesteld aan een financieel risico, aangezien er een wettelijke verplichting is tot het betalen van toekomstige bijdragen indien het fonds onvoldoende activa bevat om alle werknemersvoordelen te betalen gerelateerd aan de geleverde prestaties door de werknemers in de huidige en vorige periodes. Als gevolg dienen deze plannen geclassificeerd en boekhoudkundig verwerkt te worden als een toegezegde-pensioenregeling zoals onder IAS 19. De Groep past voor de berekening van deze verplichting de ‘Unit Credit-methode’ toe. De bedragen voor de in België aangehouden pensioenplannen worden als volgt bepaald per 31 december:

In duizend EUR 2025 2024
Verplichting uit hoofde van toegezegde-pensioenregelingen 4 413 2 443
Reële waarde van fondsbeleggingen (4 225) (2 264)
Netto verplichting (-actief) uit hoofde van toegezegde-pensioen-regelingen 188 179
In duizend EUR Verplichting toegezegde pensioenregeling Reële waarde activa netto
Op 1 januari 2024 2 484 2 303 181
Bijdragen 21 51 (30)
Prestaties 51 - 51
Actuariële verliezen / (winsten) 4 32 (28)
Belastingen betaald op bijdragen (4) (4) -
Administratiekosten (3) (3) -
Interesten 85 80 5
Verzekeringspremies (1) (1) -
Rendement op activa exclusief interesten (194) (194) -
Op 1 januari 2025 2 443 2 264 179
Bijdragen 24 65 (41)
Prestaties 44 - 44
Actuariële verliezen / (winsten) 1 842 1 842 -
Belastingen betaald op bijdragen (6) (6) -
Administratiekosten (4) (4) -
Interesten 83 77 6
Verzekeringspremies (1) (1) -
Uitkeringen (12) (12) -
Op 31 december 2025 4 413 4 225 188

De activa betreffen verzekeringspolissen en vormen geen onderdeel van de eigen financiële instrumenten van de Groep. De belangrijkste actuariële veronderstellingen zijn: 99

2025 2024
Gewogen gemiddelde verdisconteringsvoet 3,80 % 3,40 %

De verwachte inflatie bedraagt 2% (1,48% voor 2024 en 2% vanaf 2025). De verwachte algemene loonsverhoging bedraagt 5% voor werknemers met een leeftijd onder de 30 jaar en 0% bij een leeftijd boven de 30 jaar (idem 2024). De levensverwachting is bepaald aan de hand van de Belgische sterfte tabel MR/FR aangepast -5 jaar. De Groep is door zijn toegezegde-pensioenregelingen, blootgesteld aan een aantal risico’s, waarvan de belangrijkste zijn:
* Wijzigingen in disconteringsvoet: een afname in de disconteringsvoet leidt tot een toename van de toegezegde-pensioenverplichtingen;
* Salarisrisico: de bruto verplichtingen van de regelingen houden rekening met de toekomstige verloning van de deelnemers. Bijgevolg zal een hoger dan verwachte salarisstijging leiden tot hogere pensioenverplichtingen.

Een stijging in de verdisconteringsvoet met 0,5% zou leiden tot een afname van de bruto verplichting uit hoofde van toegezegde-pensioenregelingen met k€ 278, een daling in de verdisconteringsvoet met 0,5% zou leiden tot een toename met k€ 302. Voor deze pensioenplannen werden volgende bedragen opgenomen in de gerealiseerde en niet- gerealiseerde resultaten:

In duizend EUR 2025 2024
Opgenomen in de resultatenrekening
Aan het dienstjaar toegekende pensioenkosten 44 51
Intrestkost / (opbrengst) 6 5
50 56
Opgenomen als niet-gerealiseerde resultaat
Herwaardering van toegezegde pensioenregelingen - (28) - (28)
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 50 28

De verwachte werkgeversbijdragen voor het jaar 2026 bedragen k€ 37. 100

TOELICHTING 21. Handels- en overige schulden

In duizend EUR 31 december 2025 31 december 2024
Sociale en fiscale schulden 74 461
Handelsschulden 688 745
LDA failure fee - 27
Uitgestelde opbrengsten subsidies 12 86
Langlopende handels- en overige schulden 774 1 319
Handelsschulden 2 710 3 778
Schulden met betrekking tot salarissen en belastingen 1 155 1 533
Overige schulden 92 820
LDA failure fee 33 175
Overlopende rekeningen 462 533
Kortlopende handels- en overige schulden 4 452 6 839
Totaal 5 226 8 158

In de periode van de coronacrisis werden in Nederland vennootschappen in de gelegenheid gebracht om de betalingen van zowel fiscale (BTW) als sociale (loonheffingen) schulden uit te stellen. In de zomer van 2022, werd een opgave gemaakt van deze opgebouwde, uitgestelde verplichtingen en een betalingsplan voorgelegd waarbij de vennootschappen die van het bijzonder uitstel hadden gebruik gemaakt, de schulden over een termijn van zestig maanden vanaf 1 oktober 2022 in vaste maandelijkse schijven zouden terugbetalen inclusief invorderingsrente. De Nederlandse dochtervennootschappen van Option hebben indertijd van deze regeling gebruik gemaakt, waardoor de afbetaling van deze schuld wordt verdeeld over de jaren 2026 tot 2027 zoals weergegeven in onderstaande tabel. Option NV heeft einde 2025 betaalplannen bekomen voor sociale en fiscale schulden (bedrijfsvoorheffing). Terugbetalingen ervan zijn maandelijks in 2026 voorzien voor respectievelijk k€212 en k€ 105.Met een drietal leveranciers werden overeenkomsten bereikt voor de afbetaling van oude schulden. De terugbetaling ervan wordt voorzien zoals weergeven in de tabel hieronder. De belangrijkste schuld betreft nog een verplichting aan Interleuven, in verband met een uitstaande schuld voor het huurcontract dat nog liep voor de omgekeerde overname. Een principeakkoord voor een nieuwe dadingovereenkomst werd bereikt eind 2024, waarbij een korting op de totale nominale schuld van k€ 150 werd overeengekomen, en een maandelijkse afbetaling vanaf april 2025 van het toen resterend verschuldigd bedrag van k€ 719, over een periode van 84 maanden. De interestvoet die in rekening zal worden gebracht op dit bedrag is 5,5%. De uitstaande verplichting aan Interleuven bedraagt eind 2025 nog k€ 654, waarvan k€ 90 op korte termijn. Voor meer uitleg over de uitgestelde opbrengsten subsidies verwijzen we naar TOELICHTING 13 Bij Option NV zijn per 31 december 2025 €1,8 miljoen (2024: €1,4 miljoen) recente handelsschulden betaalbaar waarvan 40% (2024: 46%) meer dan 60 dagen vervallen zijn.

101

In duizend EUR 2026 2027 2028 2029 2030 LATER TOTAAL
Afbetalingsplan uitgestelde fiscale en sociale schulden 411 74 - - - - 485
Afbetalingsplan oude uitstaande schulden bij leveranciers 146 63 62 - - - 271
Afbetalingsplan Interleuven 90 95 101 106 112 149 653

De termijnen en voorwaarden van bovenvermelde schulden zijn:
* Handelsschulden zijn niet-rentegevend en zijn normaal betaald binnen een termijn van 60 tot 90 dagen.
* Overige schulden zijn niet-rentegevend en hebben een gemiddelde termijn van zes maanden (met uitzondering van schuld Interleuven, zie hierboven).

De overlopende rekeningen bevatten hoofdzakelijk contract passiva voor k€ 71 (2024: k€ 85) zoals besproken in toelichting 4. Verder zijn er voor k€ 74 (2024: k€ 74) aan overgedragen opbrengsten mbt ontvangen subsidies opgenomen, zoals besproken in toelichting 13.

102

TOELICHTING 22. Eigen vermogen

KAPITAALSTRUCTUUR – UITGEGEVEN KAPITAAL

Op jaareinde 2025 had de Groep volgende aandeelhouders:

Identiteit van de persoon, entiteit of groep van personen of entiteiten Aantal gewone aandelen 2025 Percentage aangehoud en financiële instrumenten 2025 Aantal gewone aandelen 2024 Percentage aangehoud en financiële instrumenten 2024
Eric Van Zele/Van Zele Holding NV 955 410 359 37,69 % 579 419 358 29,06 %
Danlaw 103 838 830 4,10 % 103 838 830 5,21 %
Global Innovator - 0,00 % 66 607 203 3,34 %
Eijsermans Beheer en Beleggingen / René Eijsermans - 0,00 % 66 833 333 3,35 %
GM-invest 135 000 000 5,33 % - 0,00 %
Overige 1 340 391 956 52,88 % 1 177 370 993 59,04 %
Totaal uitstaande aandelen 2 534 641 145 100,00 % 1 994 069 717 100,00 %

Het geplaatste aandelenkapitaal per eind 2025 bestond uit 2 534 641 145 gewone aandelen voor een totaalbedrag van k€ 1 950. De aandelen hebben geen nominale waarde. Alle aandelen van de Vennootschap hebben dezelfde rechten. We verwijzen tevens naar het mutatieoverzicht van het geconsolideerde eigen vermogen die de bewegingen in het eigen vermogen over het boekjaar weergeeft. Eind 2025 werd het kapitaal van de vennootschap in eerste instantie verhoogd door incorporatie van de uitgiftepremies, vervolgens verminderd door aanzuivering van de overgedragen verliezen, waarna door inbreng in natura van een vordering van k€3 784 door Van Zele Holding NV, het kapitaal en de uitgiftepremie werden verhoogd. Van Zele Holding NV werd hiervoor vergoed door 540 571 428 nieuw aandelen. Onderstaande tabel vat deze bewegingen samen (voor toewijzing van het resultaat van het boekjaar).

103

Datum Aantal aandelen Kapitaal Uitgiftepremie
Balans op 1 januari 2024 1 994 069 717 14 090 5 142
Kapitaalverhoging 0 0 -
Balans op 31 december 2024 1 994 069 717 14 090 5 142
Balans op 1 januari 2025 1 994 069 717 14 090 5 142
Kapitaalverhoging door incorporatie van de uitgiftepremies (30 december 2025) 0 5 142 -5 142
Kapitaalverlaging door incorporatie van overgedragen verliezen (30 december 2025) 0 -17 697 0
Kapitaalverhoging door inbreng in natura van een schuld van de aandeelhouder (30 december 2025) 540 571 428 415 3 368
Balans op 31 december 2025 2 534 641 145 1 950 3 368

OP AANDELEN GEBASEERDE BETALINGEN

Op het einde van 2024 waren er nog 3.250.000 uitstaande warranten van het warrantenplan ‘2020’, welke evenwel in de loop van 2025 allemaal vervallen zijn. Door de buitengewone aandeelhoudersvergadering van 30 mei 2025 werd een nieuw warrantenplan goedgekeurd, dat uiteindelijk werd bijgesteld in de buitengewone aandeelhoudersvergadering van 30 december 2025. (zie ook p.9 van dit verslag). Op 31 december 2025 werden 127.000.000 warranten aangeboden (van het totaal van 127.000.000 warranten in het plan), waarvan er 120.000.000 zijn geaccepteerd. Na de aandelenconsolidatie zijn dit respectievelijk 127.000 aangeboden, en 120.000 aanvaarde warranten geworden, met een saldo van nog 7.000 aan te bieden warranten. De verwatering door totale uitoefening van alle warranten zou 5% kunnen zijn. De belangrijkste voorwaarden van het warrantenplan “2025” zijn de volgende:
- De uitoefenprijs van voormelde warranten bedraagt € 8.2 per warrant toegekend aan bestuurders en divisiemanagers
- Het plan heeft een looptijd van 5 jaar
- Bij conversie van hun warranten ontvangen de warranthouders één gewoon aandeel van Option NV per warrant
- De warranten zullen in tranches definitief verworven zijn gedurende de drie jaren na datum van het aanbod en definitief uitoefenbaar zijn op de derde verjaardag van de datum van aanbod
- Het plan voorziet een versnelde verkrijging en uitoefening ingeval van wijziging van controle

104

TOELICHTING 23. Verlies per aandeel

De gewone winst/(verlies) per aandeel wordt berekend door de netto winst/(verlies) toerekenbaar aan de aandeelhouders van de moeder te delen door het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen gedurende het jaar. De Groep heeft geen potentiële gewone aandelen welke een verwaterend effect kunnen hebben. De warranten en put opties zijn niet verwaterend, aangezien het verlies per aandeel zou dalen met meer gewone aandelen. Daardoor is de gewone en verwaterde winst/(verlies) per aandeel dezelfde. Volgende tabel geeft het effect weer van de gewone en verwaterde winst per aandeel voor de gewone aandeelhouders:

Winst (/verlies) per gewoon aandeel 2025 2024*
Nettoverlies uit voortgezette bedrijfsactiviteiten (in duizend EUR) (1 472) (1 716)
Nettowinst /(verlies) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten (in duizend EUR) (482) (1 299)
Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen:
Gewone aandelen voor verwatering (in duizenden) 1 997 032 1 994 070
Gewone aandelen na verwatering (in duizenden) 1 997 032 1 994 070
Per Aandeel uit voortgezette bedrijfsactiviteiten (in EUR)
Verlies per aandeel voor verwatering 0,00 0,00
Verlies per aandeel na verwatering 0,00 0,00
Per Aandeel uit beëindigde bedrijfsactiviteiten (in EUR)
Verlies per aandeel voor verwatering 0,00 0,00
Verlies per aandeel na verwatering 0,00 0,00

In de berekening werd geen rekening gehouden met:
- de 127.000.000 warranten (127.000 na de aandelenconsolidatie) in 2025 gecreëerd en in 2026 toegekend, gezien deze antidilutief zijn;
- in voorkomend geval, de potentiële impact van de converteerbare obligatielening vanwege Hexagon Capital Fund zoals beschreven in TOELICHTING 19.

Volgende tabel geeft de totaal uitgegeven gewone aandelen en gewogen gemiddeld effect van de gewone aandelen weer:

Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen: 2025 2024
Uitgegeven gewone aandelen per 1 januari 1 994 069 717 1 994 069 717
Uitgegeven aandelen door inbreng in natura 30 december 2025 540 571 428 -
Totaal uitgegeven gewone aandelen 2 534 641 145 1 994 069 717
Uitgegeven gewone aandelen per 1 januari 1 994 069 717 1 994 069 717
Gemiddeld effect van de uitgegeven aandelen 30 december 2025 2 962 035 -
Gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen 1 997 031 752 1 994 069 717

105

TOELICHTING 24. Kapitaalbeheer

De Groep bepaalt het bedrag van het kapitaal in verhouding tot het risico. De Groep beheert de kapitaalstructuur en corrigeert deze bij wijzigende economische omstandigheden en financieringsbehoeften. De objectieven van de Groep in verband met het beheren van het kapitaal zijn:
• de entiteiten de mogelijkheid en de vrijwaring te garanderen om te opereren als “going concern” en om als dusdanig een meerwaarde te creëren voor de aandeelhouders;
• het leveren van een adequate return aan de aandeelhouders door middel van een prijsbeleid voor zowel producten als diensten dat in verhouding is met het risiconiveau.

De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit het gedeelte van schulden op meer dan één jaar, liquide middelen, geplaatst kapitaal, uitgiftepremies, reserves en overgedragen resultaat.

In duizend EUR 31 december 2025 31 december 2024
Netto liquide middelen/ (financiële verplichtingen) (900) (2 372)
Eigen vermogen 681 (1 145)
Netto liquide middelen / (financiële verplichtingen) / Eigen vermogen % (132,2 %) 207,2 %
Eigen vermogen 681 (1 145)
Totaal verplichtingen en eigen vermogen 9 575 14 334
Eigen vermogen / Totaal verplichtingen en eigen vermogen % 7,1 % (8,0 %)

Voor initiatieven genomen om de liquiditeitspositie van de Groep te verbeteren verwijzen we naar de paragraaf in verband met continuïteit onder “boekhoudkundige beoordelingen, ramingen en veronderstellingen”.

106

TOELICHTING 25.Beheer van financiële risico’s

Toelichting 31 december 2025 31 december 2024
In duizend EUR
Leningen en vorderingen
Overige vorderingen op lange termijn 16 84
Geldmiddelen en kasequivalenten 18 443
Handels- en overige vorderingen 16 1 835
Financiële verplichtingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs
Handels- en overige schulden op korte termijn 21 2 802
Financiële schulden 19 1 343
Schulden met verbonden partijen 32 1 780
Handels- en overige schulden op lange termijn 21 688

KREDIETRISICO

Kredietrisico verwijst naar het risico dat een tegenpartij zijn contractuele verplichtingen niet zou nakomen en wat zou kunnen resulteren in een financieel verlies voor de Groep. Om het risico van financiële verliezen te beperken heeft de Groep een richtlijn uitgewerkt om enkel zakenrelaties aan te gaan met kredietwaardige tegenpartijen en om voldoende zekerheden te bekomen, indien aangewezen, om een eventueel financieel verlies te beperken. De Groep verleent krediet aan haar klanten in het kader van de gewone bedrijfsactiviteit. Doorgaans eist de Groep geen onderpand of andere zakelijke zekerheden om de verschuldigde bedragen te dekken. Het management evalueert constant het klantenbestand op haar kredietwaardigheid. Het kredietrisico wordt continu opgevolgd. Vooraleer een nieuwe klant wordt aanvaard hanteert de Groep externe scoringssystemen om de kredietwaardigheid van de klant in te schatten. Alle vorderingen zijn inbaar, behalve deze waarvoor een voorziening voor dubieuze debiteuren is aangelegd. De handelsvorderingen bestaan uit een beperkt klantenbestand, voornamelijk binnen België en Nederland. De netto boekwaarde van de financiële activa opgenomen in de jaarrekening geeft het maximale kredietrisico weer.

In de balans van handelsvorderingen van de Groep zijn er enerzijds oude (>365d) verkoopfacturen voor 84k€ (2024: 456k€) die volledig in waarde zijn verminderd. Anderzijds zijn er meer recente verkoopfacturen van debiteuren inbegrepen met een boekwaarde van k€ 35 (2024: k€ 84), die meer dan 90 dagen vervallen zijn waarvoor de groep nog geen betalingsengagement heeft gekregen en waartegen een waardevermindering van k€ 6 (2024: k€ 62) is opgenomen. De daling in vergelijking met 2024 is vooral te wijten aan de deconsolidatie van Remoticom en ‘oude’ Option filialen. De Groep oordeelt dat deze provisie voldoende is om het inningsrisico te dekken. Bij het vaststellen van de inbaarheid van de handelsvorderingen houdt de Groep rekening met de kredietwaardigheid van de vorderingen vanaf de datum dat het krediet initieel werd toegekend tot aan de rapporteringsdatum. De concentratie van het kredietrisico is beperkt vanwege een brede spreiding van het klantenbestand. De winst- en verliesgevolgen voor dubieuze debiteuren worden gerapporteerd onder de verkoop- en marketingkosten.

107

LIQUIDITEITSRISICO

De Groep beheert liquiditeitsrisico’s door continue opvolging van voorspellingen en actuele kasstromen en door de maturiteitsprofielen van de financiële activa en passiva met elkaar te vergelijken. De Groep heeft kredietovereenkomsten zoals toegelicht in toelichting 19. Er zijn geen onbenutte kredietfaciliteiten op eind 2025 en eind 2024. De volgende tabel geeft een overzicht van de resterende contractuele maturiteit (niet-verdisconteerde kasstromen) van de financiële verplichtingen.

2025 In duizend EUR 2026 2027 2028 2029 2030
Lease schulden 372 353 248 195 149
Financiële schulden andere dan lease schulden 99 63 - - -
Schulden aan verbonden ondernemingen 787 500 493 - -
Handelsschulden 2 710 158 163 106 261
Totaal 3 968 1 074 904 301 410
2024 In duizend EUR 2025 2026 2027 2028 2029
Lease schulden 438 277 193 117 194
Financiële schulden andere dan lease schulden 1 632 - - - -
Schulden aan verbonden ondernemingen 1 040 2 750 - - -
Handelsschulden 3 778 181 95 101 368
Totaal 6 888 3 208 288 218 562

Voor de schulden aan verbonden ondernemingen verwijzen we naar de modaliteiten opgenomen in toelichting 28. Voor de handelschulden op korte en lange termijn verwijzen we naar de modaliteiten opgenomen in toelichting 21.

MARKTRISICO: INTERESTRISICO

De blootstelling aan renterisico’s hebben voornamelijk betrekking op bestaande kredietfaciliteiten. Als het rentetarief 1 procentpunt hoger/ lager zou geweest zijn, zou het financiële resultaat in 2025 k€ 58 lager/ hoger geweest zijn en in 2024 k€ 38 lager / hoger.

MARKTRISICO: WISSELKOERSRISICO

Door de gedaalde verkopen in USD, is het wisselkoersrisico relatief beperkt geweest. In totaal werd voor 600 k$ verkocht in 2025; aankopen werden in totaal voor 171 k$ verricht. In de resultatenrekening werd in 2025 een netto wisselkoersopbrengst erkend van k€ 41.

108

TOELICHTING 26. Reële waarde

De boekwaardes van de financiële activa en de financiële schulden benaderen de reële waarde. De toegepaste methodes en assumpties worden hieronder toegelicht.

Financiële activa Boekwaarde Boekwaarde Reële waarde Reële waarde
In duizend EUR 31 dec 2025 31 dec 2024 31 dec 2025 31 dec 2024
Leningen en vorderingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs
Handels- en overige vorderingen 1 835 3 185 1 835 3 185
Overige vorderingen 84 111 84 111
Geldmiddelen en kasequivalenten 443 369 443 369
Totaal financiële activa 2 362 3 665 2 362 3 665

De reële waarde van de financiële activa wordt als volgt bepaald:
* De boekwaarde van de geldmiddelen en kasequivalenten, de handels- en overige vorderingen benadert de reële waarde door hun korte termijn karakter.
* De boekwaarde van de overige financiële activa (langlopend) en overige vorderingen zijn niet materieel verschillend van de reële waarde.

Financiële verplichtingen Boekwaarde Boekwaarde Reële waarde Reële waarde
In duizend EUR 31 dec 2025 31 dec 2024 31 dec 2025 31 dec 2024
Financiële verplichtingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs
Handelsschulden 3 490 5 343 3 490 5 343
Financiële schulden 1 343 2 741 1 495 3 733
Schulden aan verbonden partijen 1 780 3 790 1 780 3 790
Totaal financiële verplichtingen 6 613 11 874 6 765 12 866
Waarvan langlopend 2 611 4 208 2 516 4 113
Waarvan kortlopend 4 002 7 666 4 249 8 753

De reële waarde van de financiële schulden wordt bepaald op basis van de volgende methodes en assumpties:
* De boekwaarde van de handels- en overige schulden benaderen hun reële waarde door het korte termijn karakter van deze instrumenten voor de kortlopende verplichtingen. De boekwaarde van de langlopende handelsschuld is niet materieel verschillend van haar reële waarde.
* De financiële schulden werden geëvalueerd op basis van de intrestvoet. De boekwaarde van deze financiële schulden is een benadering van de reële waarde (niveau 2).
* De overige schulden werden geëvalueerd op basis van de interestvoet en looptijd. Gezien het recente karakter van deze overige lening is de boekwaarde een benadering van de reële waarde.

109

De volgende hiërarchie wordt gebruikt voor het bepalen en toelichten van de reële waarde van de financiële instrumenten:
* Niveau 1: genoteerde (niet aangepaste) prijzen in actieve markten voor identieke activa en verplichtingen.
* Niveau 2: Waarderingstechnieken waarbij de significante parameters observeerbaar zijn, en dit ofwel direct of indirect.
* Niveau 3: Waarderingstechnieken waarbij parameters gebruikt worden welke niet gebaseerd zijn op observeerbare marktdata.

TOELICHTING 27. Alternatieve prestatiemaatstaven

EBITDA wordt gebruikt in toelichting 4 als een van de segment prestatiemaatstaven. EBITDA wordt berekend als het resultaat van het operationeel segment of de bedrijfscombinatie plus de niet- toegewezen bedrijfskaskosten, min afschrijvingen op materiële vaste activa, min afschrijvingen op immateriële vaste activa, min bijzondere waardeverminderingen op immateriële vaste activa en goodwill, min waardeverminderingen op voorraden en vorderingen en min toename / (afname) in voorzieningen. De totale afschrijvingen op materiële vaste activa, de totale afschrijvingen op immateriële vaste activa en de waardeverminderingen op voorraden en vorderingen worden toegelicht in toelichting 5. De bijzondere waardeverminderingen op immateriële vaste activa en goodwill en de totale toename/(afname) in voorzieningen worden gepresenteerd als afzonderlijke lijnen in het kasstroomoverzicht.

110

TOELICHTING 28. Gebeurtenissen na balansdatum

Financiering door Van Zele Holding / nieuwe financiering
De financiering door Van Zele Holding NV beliep €1,5 miljoen eind 2025; in de eerste drie maanden van 2026 is de financiering nog met €0,6 miljoen verhoogd, zodat op datum van dit verslag de financiering op €2,1 miljoen staat. In de raad van bestuur van april 2026 werd door VZH en andere verbonden partijen bijkomende financiering toegezegd van €1,6 miljoen.

Uitoefening warranten
Er werden geen warranten uitgeoefend na balansdatum.

Aandelen consolidatie
Ten gevolge van de aandelenconsolidatie in januari 2026 bevestigt Option NV dat het nieuw aantal totale aandelen (ISIN BE0974496284) van de vennootschap 2.534.641 bedraagt (in vergelijking met 2.534.641.145 oude aandelen voor de aandelenconsolidatie). Deze aandelen hebben allemaal gewoon stemrecht. Elk aandeel geeft recht op één stem. Van de nieuwe aandelen zijn er momenteel 1.582.936 gedematerialiseerd. Ten gevolge van het recente warrantenplan (Zie TOELICHTING 22) zijn er 127.000 inschrijvingsrechten uitgeschreven die elk recht geven op één nieuw aandeel. Bij verwerving en uitoefening van alle inschrijvingsrechten zou daardoor het totaal aantal nieuwe aandelen uitkomen op 2.661.641. Het kapitaal bedraagt EUR 1.950.216,25. Onderstaande tabel toont de impact van deze aandelenconsolidatie op het verlies per aandeel. Gelet op het verlies van het boekjaar in 2025 en 2024, is het verlies per aandeel voor en na verwatering gelijk.Winst (/verlies) per gewoon aandeel 2025 2024*

2025 2024*
Nettoverlies uit voortgezette bedrijfsactiviteiten (in duizend EUR) (1 472) (1 716)
Nettowinst /(verlies) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten (in duizend EUR) (482) (1 299)
Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen:
Gewone aandelen voor verwatering 1 997 032 1 994 070
Gewone aandelen na verwatering 1 997 032 1 994 070
Per Aandeel uit voortgezette bedrijfsactiviteiten (in EUR)
Verlies per aandeel voor verwatering (0,74) (0,86)
Verlies per aandeel na verwatering (0,74) (0,86)
Per Aandeel uit beëindigde bedrijfsactiviteiten (in EUR)
Verlies per aandeel voor verwatering (0,24) (0,65)
Verlies per aandeel na verwatering (0,24) (0,65)

111

TOELICHTING 29. Belangen in dochterondernemingen

LIJST VAN ONDERNEMINGEN, IN HUN TOTALITEIT GECONSOLIDEERD IN DE FINANCIËLE REKENINGEN

112

Naam van de dochteronderneming Maatschappelijke zetel % of aandeel in het kapitaal 2025 % of aandeel in het kapitaal 2024
BELGIE Option NV Geldenaaksebaan 329 3001 Leuven, België 100% 100%
NEDERLAND Innolumis Public Lighting BV Ariane 4 3824 MB Amersfoort 100% 100%
NEDERLAND Sait BV Ariane 2 3824 MB Amersfoort 100% 100%
BELGIË Crescent Ventures NV Geldenaaksebaan 329 Leuven, België 3001 100% 100%
ZUID-AFRIKA Innolumis South Africa PTY (Ltd) 5 President Street, Jansen Park (***) Boksburg Gauteng 1459 100% 100%
IERLAND Option Wireless Ltd., Cork (***) Kilbarry Industrial Park Dublin Hill, Cork 100% 100%
DUITSLAND Option Germany GmbH (*) Beim Glaspalast 1 D-86153 Augsburg - Germany 0% 100%
VERENIGDE STATEN Option Wireless USA INC (***) Unit 192 W Army Trail Road 780 Carol Stream, IL 60188 Illinois, USA 100% 100%
JAPAN Option Wireless Japan KK (***) Minato-ku 5-1, Shinbashi 5-chome Tokyo 105-0004, Japan 100% 100%
CHINA Option Wireless Hong Kong LIMITED (***) 35/F Central Plaza 18 Harbour Road Wanchai Hong Kong, China 100% 100%
BELGIË Live Reach Media BV (*) Geldenaaksebaan 329 3001 Heverlee 0% 100%
NEDERLAND Remoticom Holding BV (**) Kraaivenstraat 25-41 5048AB Tilburg 49% 100%
NEDERLAND Remoticom Projects BV (**) Kraaivenstraat 25-41 5048AB Tilburg 49% 100%
NEDERLAND Remoticom BV (**) Kraaivenstraat 25-41 5048AB Tilburg 49% 100%
HONG KONG United Solutions LTD (**) Room 2004, 20/F , Centre Point 181-185 Gloucester Road Wanchai, HongKong 49% 100%
NOORD-MACEDONIÊ Krescent-Smartsiti Dooel Skopje (***) Metropolj Teodosij Gologanov no 57-1/6 Skopje 100% 100%

113

() Geliquideerde vennootschap
(
) 51% verkoop Remoticom groep
(
**) Slapende vennootschap

2025 – Overige deelnemingen Remoticom Holding BV

De verkoop onderhandelingen, due diligence proces, en dus de eigendomsoverdracht van de Remoticom-groep (Remoticom Holding BV, Remoticom BV, Remoticom Projects BV en Unitech Solutions Ltd), werden afgerond eind augustus 2025. Van de 100% aangehouden in Remoticom Holding (en dochtervennootschappen), werd 51% verkocht voor in totaal k€1.084, waarvan k€886 met aandelen van Option NV werd betaald (deze werd mogelijk gemaakt en gefaciliteerd via Van Zele Holding NV waardoor de schuld van Option NV aan Van Zele Holding NV met hetzelfde bedrag daalde), k€150 in speciën en k€48 door overname van een schuld van Option NV. Vanaf september 2025, worden de resultaten van de resterende 49% aangehouden in de Remoticom-groep mee opgenomen in de consolidatie van Option NV onder de equity-methode. Het aandeel in de resultaten van de Remoticom-groep is als één lijn opgenomen in de geconsolideerde winst-en-verliesrekening.

2025 – Overige

De dochterondernemingen in Japan, Hong Kong en de Verenigde Staten zijn slapende vennootschappen. Deze vennootschappen hebben geen impact op de geconsolideerde cijfers per 31 december 2025 gezien er al meerdere jaren geen operationele activiteiten meer zijn.

114

TOELICHTING 30. Informatie over de opdrachten van de revisoren en hun vergoedingen

In duizend EUR 2025 2024
Wereldwijde auditdiensten 250 286
Overige audit gerelateerde diensten 25 9
Totaal 275 295

TOELICHTING 31. Onzekerheden

De risico's en onzekerheden die hieronder worden beschreven zullen van toepassing zijn op de Groep en haar activiteiten.

CONTINUÏTEIT

Op 31 december 2025 heeft de Groep een positief eigen vermogen van k€ 681. De beperkte kaspositie per eind van het boekjaar van k€ 443 bleef ongeveer op hetzelfde niveau als de k€ 369 op datum van 31 december 2024. De bruto financiële schuld bedroeg eind 2025 k€ 1 343 (2024: k€ 2 741) en de schuld aan verbonden partijen eind 2025 k€ 1.780 (2024: k€ 3.790).

De enkelvoudige jaarrekening toont een positief eigen vermogen van k€ 1 400; de kaspositie eind van het jaar bedraagt k€ 24. De bruto financiële schuld bedraagt k€ 1.922 en is sterk verbeterd t.o.v van vorig boekjaar (2024: k€ 4 500). Dit is te danken aan de aflossing van de Belfius kredietlijn ten belope van k€ 1.500 en de terugbetaling van de BLCC lening ten belope van k€ 500 gefinancierd middels stortingen van VZH resulterend in een toename van de kredietlijn in rekening courant van VZH. Vervolgens heeft VZH een groot deel van haar vordering voor een bedrag van k€ 3.784 ingebracht in het kapitaal.

Anderzijds zijn onze leveranciersschulden meer dan in een normale verhouding toegenomen. Dit is toe te schrijven aan de grote vertraging op de leveringen van de Cloudgates door onze toeleverancier. Hierdoor konden ongeveer k€ 700 orders van klanten niet in 2025 worden uitgeleverd. Door die gemiste inkomsten zijn de schulden aan onze leveranciers weer toegenomen.

In het kader van de beoordeling van de continuïteit heeft de Groep en de Vennootschap een kasstroomplanning opgemaakt welke ten minste de periode dekt van 1 januari 2026 tot en met 30 juni 2027. Deze kasstroomplanning is opgemaakt aan de hand van het door de Raad van Bestuur goedgekeurde business plan en houdt rekening met alle uitstaande verplichtingen die de Groep en de Vennootschap hebben binnen de periode van de kasstroomplanning, inclusief afbetalingsplannen met leveranciers en overheden.

Deze kasstroomplanning toont een financiële behoefte van ca. k€ 2 200 voor de Groep en Option NV tijdens de eerste jaarhelft van 2026, grotendeels nodig voor het betalen van belangrijke leveranciers- en RSZ schulden waarvoor er afbetalingsplannen zijn. Voor die behoefte van k€ 2 200 werd reeds k€ 580 verstrekt door VZH in de loop van het eerste kwartaal 2026 en voor het saldo van k€ 1 600 zijn er verbintenissen van VHZ en van andere verbonden partijen om die middelen te verstrekken.

De kasstroomplanning wijst aan dat vanaf juli 2026 een additionele behoefte zal zijn aan een kredietlijn tussen de k€ 500 en k€ 1 000 voor de financiering van de verwachte groei van het werkkapitaal. Immers wordt verwacht dat met de lancering van de nieuwe producten de Cloudgate NXS en de Cloudgate Probe de omzet sterk zal stijgen vanaf de tweede jaarhelft van 2026.

115

Banken zullen aangesproken worden om daarvoor een kredietlijn te verstrekken zonder dat hierover op heden concrete toezeggingen bestaan.

De belangrijkste gebeurtenissen en omstandigheden welke wijzen op het bestaan van een onzekerheid van materieel belang die significante twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep en de Vennootschap om haar continuïteit te handhaven zijn de volgende:

  1. Het realiseren van het business plan voor de periode van de kasstroomplanning. De grootste onzekerheid met betrekking tot de realisatie van het businessplan bevindt zich bij Option NV. Dit businessplan is ambitieus en gaat uit van het succes van de nieuwe producten en de potentiële omzet ervan die nog gerealiseerd kunnen worden in de tweede jaarhelft van 2026 en verder. Dit moet een turnaround tot stand brengen in overeenstemming met de strategische heroriëntatie van de Groep en de Vennootschap welke niet gerealiseerd kon worden in de voorbije jaren. Niettegenstaande dat klanten positief reageren op onze nieuwe producten is dit enthousiasme geen garantie tot voldoende omzetresultaten. Tekorten in de realisatie van de business plannen geven aanleiding tot een werkkapitaalpositie welke onder druk blijft staan gezien de krappe liquiditeitspositie en dus nood aan additionele financiering.

  2. Het kunnen behouden van de huidige financiering via VZH (welke EUR 1,6 mio bedraagt op jaareinde en verder is toegenomen tot EUR 2,2 mio in April 2026) en het effectief verkrijgen van de door VZH en verbonden partijen toegezegde bijkomende financiering van k€ 1 600 alsook het kunnen verkrijgen van een kredietlijn tussen de k€ 500 en k€ 1 000 voor de financiering van het werkkapitaal. Gezien de historiek van Option NV is er geen garantie dat kredietlijnen bij banken zullen mogelijk zijn. Mogelijkerwijs zal dat enkel kunnen gefaciliteerd worden middels garantiestellingen door VZH wederom.

Concluderend kunnen we stellen dat de Groep en de Vennootschap, voor wat betreft financiering, in grote mate afhankelijk blijven van haar referentie aandeelhouder Van Zele Holding NV en de toezegging van andere verbonden partijen om de noodzakelijke middelen te verstrekken. De Raad van Bestuur is van mening dat, op korte termijn de continuïteit van de Groep verzekerd blijft door de verwachte blijvende steun van Van Zele Holding NV, en op middellange termijn, moest de uitvoering van de businessplannen vertraging oplopen, de Groep en de Vennootschap in de mogelijkheid is bijkomende middelen aan te trekken door de verkoop van één van haar participaties. Indien de realisatie van het budget voor volgend boekjaar alsook de businessplannen voor de jaren nadien achterblijft, zorgt dit voor de nood aan bijkomende financiering, die op dit moment nog niet geformaliseerd is.Deze situatie wijst op het bestaan van een bijkomende materiële onzekerheid inzake de mogelijkheid van zowel de Groep als de Vennootschap om haar continuïteit te handhaven en dat daardoor de Groep en de Vennootschap mogelijk niet in staat zal zijn om haar continuïteit te handhaven en dat daardoor de Groep en de Vennootschap niet in staat zal zijn, in het kader van de normale bedrijfsvoering, haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. De Raad van Bestuur is van mening dat de Groep en de Vennootschap in staat zal zijn om bovenstaande gebeurtenissen en omstandigheden succesvol te beheren. Het heeft dan ook vertrouwen in de opgemaakte plannen en de daaraan gelinkte kasstroomprojecties waardoor dat zij van oordeel is dat zowel de geconsolideerde jaarrekening van de Groep als de enkelvoudige jaarrekening van Option NV in continuïteit opgemaakt kunnen worden.

ALGEMENE ONZEKERHEDEN

Het macro-economische klimaat kan uiteraard ook een impact hebben op de activiteiten van de groep. De Groep ondervindt vooralsnog geen direct negatieve gevolgen van het conflict tussen Rusland en Oekraïne en van het recente conflict in Iran en het afsluiten van de straat van Hormuz. Evenwel stijgt, vooral door dat laatste conflict, het risico dat de prijzen van componenten duurder zullen worden hetgeen zich mogelijkerwijs kan vertalen in lagere brutomarges als die verhoogde prijzen niet kunnen doorgerekend kunnen worden aan de klanten. 116

SPECIFIEKE ONZEKERHEDEN

De grootste onzekerheid rust bij de evolutie van Option NV, meer bepaald bij de al dan niet succesvolle introductie op de markt van de twee nieuwe producten namelijk de Cloudgate NeXus en de Cloudgate Probe en de voorafgaande succesvolle certificering en tijdige, probleemloze levering van deze producten door onze EMS (Electronics Manufacturing Services) toeleveranciers.

TOELICHTING 32. Transacties met verbonden partijen

In het kader van de normale activiteiten, werden transacties met verbonden partijen door de Groep steeds aangegaan op een marktconforme basis.

VERKOOPTRANSACTIES MET DANLAW INC.

In 2025 heeft Option NV voor k€ 6 (2024: k€ 95) engineering services aan Danlaw Inc verkocht, deze services worden aan marktconforme voorwaarden aangerekend voor de effectieve uren die Option NV gespendeerd heeft voor de uitvoering van deze services.

KREDIETEN VERLEEND EN GARANTIES GESTELD DOOR VAN ZELE HOLDING NV

Begin 2025 bedroeg het door Van Zele Holding NV aan Option NV verstrekte krediet 3 miljoen EUR (en bijkomend 0,14 miljoen EUR aan Remoticom). In 2025 wijzigt de financiering Van Zele Holding NV aan Option NV als volgt:

  • In de loop van 2025 heeft Van Zele Holding NV bijkomend krediet verstrekt voor een bedrag 3,06 miljoen EUR. Dit bedrag omvat de betaling van de borg aan BLCC (zie hieronder);
  • Vermindering met 886k EUR als gevolg van de ontvangen Option aandelen in het kader van de desinvestering van Remoticom subgroep. We verwijzen hiervoor naar toelichting TOELICHTING 14 en TOELICHTING 32);
  • Netto-vermindering met 100k als gevolg van de door Option overgenomen uitstaande lening aan Remoticom (TOELICHTING 19);
  • Vermindering van 3,78 miljoen EUR door de inbreng in kapitaal door Van Zele Holding NV per 30 december 2025.

Eind 2025 bedraagt het krediet nog 1,49 miljoen EUR. De interesten vergoed aan een interestvoet van Euribor 1 maand +5% p.a. voor het krediet tot 3 miljoen EUR, en aan een interestvoet van 9% voor het deel ven het krediet boven de 3 miljoen EUR, bedragen k€ 254 in de resultatenrekening van 2025. (2024: k€ 317).

Van Zele Holding NV heeft zich garant gesteld voor het betalingsplan dat Option NV is aangegaan met LDA Capital door levering van aandelen van Option aan LDA als borg. In 2025 werden bij Option voor vergoeding van deze borgstelling k€6 (2024: k€9) financiële lasten geboekt.

Van Zele Holding NV heeft zich ook garant gesteld voor de terugbetaling van de k€ 500 aan BLCC die deze laatste geleend heeft aan Crescent Ventures. In september 2025 werd de borg door BLCC uitgeoefend, en werd door Van Zele Holding NV de k€ 500 aan Crescent Ventures betaald voor afkorting van de lening door deze laatste aan BLCC. Deze 500k€ is opgenomen in bovenstaand bedrag van 3,06 miljoen EUR. Voor de vergoeding van deze borgstelling werden in 2025 k€ 18 (2024: k€12) financiële lasten geboekt. Deze lasten worden berekend aan 5% op de gemiddelde waarde van de verstrekte borgstelling. Verder beliepen de in 2025 geboekte intrestkosten omtrent het afgelopen korte-termijn krediet van BLCC ten gunste van Crescent Ventures k€ 19,5 (2024: k€ 31).

KREDIETEN VERLEEND DOOR LEDEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR EN VAN HET UITVOEREND MANAGEMENT 117

Ter versterking van de liquiditeitspositie van de groep en ter aanvulling van het werkkapitaal, zijn door Dhr Van Zele privé 110 k€, Dhr. Bex 25 k€ en door Mangon (een vennootschap gecontroleerd door Dhr. Boedt) 150 k€ geleend. De interestlasten hierop, gerekend aan 9% p.a., werden in financiële lasten opgenomen voor 5 k€.

HUUROVEREENKOMST MET VAN ZELE HOLDING

De betaalde huur voor het door Van Zele Holding ter beschikking gestelde kantoor met drie werkplaatsen incl. parking, en een aparte vergaderruimte bedroeg k€ 30 in 2025 (2024: k€ 30).

VERGOEDINGEN KEY MANAGEMENT

Vergoedingen Raad van Bestuur en Excom (in KEUR) 2025 2024
Voorzitter 24 24
Bestuurders 40 29
Excom 158 429
Totaal vergoedingen 222 482
Totaal warranten 0 0
Totaal vergoedingen en warranten 222 482

VERGOEDINGEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR

De Algemene Vergadering van 30 mei 2025, keurde de volgende vergoedingen goed voor de Bestuurders:
* Een vaste vergoeding voor de voorzitter van k€ 24 per jaar (2024: k€ 24)
* Een vaste vergoeding van k€ 2 per fysieke verandering en k€ 1 per virtuele of telefonische bijeenkomst. Vergoedingen voor bijkomende opdrachten (zoals deelname aan afzonderlijke comités, etc.), worden bepaald op k€ 1 per bestuurder per bijeenkomst.

Voor vergoeding van bijkomende kosten wordt gevraagd om de Raad van Bestuur en Remuneratiecomité over deze te laten beslissen. Aanvullend bij voornoemde vergoeding zijn bestuurders ook gerechtigd op terugbetaling van gedane “out-of-pocket” uitgaven overeenkomstig het vastgestelde beleid van de Vennootschap hieromtrent (inzonderheid inzake reisonkosten) en voor zover zulke uitgaven redelijk zijn en vereist voor de uitoefening van hun taken als bestuurder van de Vennootschap.

Het totale bedrag van bestuurdersvergoedingen die in de bedrijfskosten werden opgenomen exclusief de hierboven vermeldde vergoeding van de voorzitter, bedraagt 40 k€ (2024: k€ 29). Aan Geistesblizz GmbH werd in 2025 een bijzonder bijkomend mandaat verleend ter aantrekking van investeerders en klanten. Een vergoeding van 33 k€ is hiervoor in kosten genomen. Voor de Heer Van Zele is een bedrag van k€ 60 (2024: k€ 60) voorzien voor zijn functie als CEO; deze kost werd opgenomen in de onderstaande bezoldigingen van de leden van het uitvoerend management.

BEZOLDIGINGEN VAN DE LEDEN VAN HET UITVOEREND MANAGEMENT

De totale basisvergoeding van het Excom per 31 december 2025 bedroeg 158 k€ (2024: k€ 429). 118 Geen enkel lid van het Uitvoerend Management Team komt in aanmerking voor specifieke vertrekvergoedingen, boven op de bestaande wettelijke regelingen. Er bestaan geen bijzondere rechten van herstel, in aanvulling op de bestaande wettelijke bepalingen, die speciale bevoegdheden toekennen aan de Vennootschap om op basis van onjuiste financiële gegevens toegekende of betaalde variabele vergoedingen terug te vorderen. 119

VERKLARING VAN DE COMMISSARIS 120 121 122 123 124 125 126 127 128

4. ENKELVOUDIGE JAARREKENING OPTION NV EN TOELICHTING (VERKORTE VERSIE)

De volgende documenten zijn uittreksels uit de enkelvoudige jaarrekening van Option NV, opgesteld volgens de Belgische boekhoudnormen in overeenstemming met artikel 3:17 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Alleen de geconsolideerde jaarrekening geeft een waarheidsgetrouw beeld van de financiële positie en prestaties van de Option-groep. 129

Enkelvoudige balans – verkort schema (conform de Belgische boekhoudnormen)

In duizend EUR 2025 2024
Activa
Vaste activa 7 874 9 195
Immateriële vaste activa 621 640
Materiële vaste activa 40 55
Financiële vaste activa 7 213 8 500
Vlottende activa 1 454 5 142
Voorraden en bestellingen in uitvoering 267 349
Vorderingen op ten hoogste één jaar 1 080 4 733
Liquide middelen 24 13
Overlopende rekeningen 83 47
Totaal activa 9 328 14 337
Passiva
Kapitaal en reserves 1 383 2 305
Kapitaal 1 950 14 090
Uitgiftepremies 3 367 5 141
Wettelijke reserve 612 612
Overgedragen winst/(verlies) (4 632) (17 697)
Kapitaalsubsidies 86 159
Voorzieningen 217 207
Schulden 7 728 11 825
Financiële schulden op meer dan één jaar 1 558 3 522
Schulden op ten hoogste één jaar 5 898 8 184
Overlopende rekeningen 272 119
Totaal verplichtingen en eigen vermogen 9 328 14 337

130 Enkelvoudige winst- en verliesrekeningen – Belgische boekhoudnormen

In duizend EUR 2025 2024
I. Bedrijfsopbrengsten 4 101 5 210
Omzet 3 689 4 502
Waardevermeerdering (-vermindering) van de voorraden gereed product, goederen in bewerking en bestellingen in uitvoering (96) (91)
Geactiveerde ontwikkelingsprojecten 251 129
Andere bedrijfsinkomsten (voornamelijk transacties tussen dochterondernemingen) 257 670
II. Bedrijfskosten 5 390 6 212
Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen 1 284 1 999
Diensten en diverse goederen 2 270 2 231
Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen 1 693 1 710
Afschrijvingen en andere waardeverminderingen op oprichtingskosten, immateriële en materiële vaste activa 287 325
Waardevermeerderingen en - verminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen (161) (94)
Voorzieningen voor risico's en kosten 10 30
Andere bedrijfskosten 7 11
Niet-recurrent bedrijfskosten - -
III. Bedrijfswinst/(bedrijfsverlies) (1 289) (1 002)
IV. Financiële opbrengsten 1 506 190
Recurrente financiële opbrengsten 131 171
Niet-Recurrente financiële opbrengsten 1 375 19
Recurrente financiële kosten 560 626
Niet-Recurrente financiële kosten 4 289 5 548
IX. Winst/(verlies) van het boekjaar vóór belastinge ( 4 632) ( 6 986)
X. Belastingen op het resultaat - ( 3)
XIII. Te bestemmen winst/(te verwerken verlies) van het boekjaar ( 4 632) ( 6 989)

Resultaatverwerking - verkort schema (conform Belgische boekhoudnormen)

In duizend EUR 2025 2024
Overgedragen winst/(overgedragen verlies) van het vorige boekjaar ( 17 697) ( 10 708)
Te bestemmen winst/(te verwerken verlies) van het boekjaar ( 4 632) ( 6 989)
Kapitaalsvermindering door incorporatie van overgedragen verlies 17 697 -
Te bestemmen winstsaldo / (te verwerken verliessaldo) ( 4 632) ( 17 697)

131

Samenvatting van de belangrijkste waarderingsregels - enkelvoudige jaarrekening (verkort schema) - Belgische boekhoudnormen

Oprichtingskosten
Oprichtingskosten worden geboekt ten laste van de opbrengsten, met uitzondering van de geactiveerde kosten.

Immateriële vaste activa
Octrooien (patenten), licenties en software worden lineair afgeschreven tegen een afschrijvingspercentage van 20 %.

Machines en uitrusting
Laboratorium-, test-, meet- en computerapparatuur worden lineair afgeschreven tegen een afschrijvingspercentage van 20 %. Test- en meetapparatuur (onder leasing) wordt lineair afgeschreven tegen een afschrijvingspercentage van 20 %.

Onderzoek en ontwikkeling
Vanaf 1 januari 2005 worden de uitgaven voor onderzoek als uitgave opgenomen wanneer ze worden opgelopen. Kosten van ontwikkelingsprojecten (voor het ontwerpen en testen van nieuwe of verbeterde producten) worden alleen opgenomen als immateriële activa als voldaan is aan alle onderstaande voorwaarden:
* er wordt een actief ontwikkeld dat kan worden geïdentificeerd
* het is waarschijnlijk dat het ontwikkelde actief toekomstige economische voordelen zal genereren
* de ontwikkelingsuitgaven van het actief kunnen op betrouwbare wijze worden gemeten

Andere ontwikkelingsuitgaven worden als uitgave opgenomen wanneer ze worden opgelopen. Ontwikkelingskosten die in het verleden werden opgenomen als uitgave, worden in een volgende periode niet opgenomen als activa. Ontwikkelingskosten met een vaste gebruiksduur die werden geactiveerd, worden afgeschreven vanaf het begin van de commerciële productie van het product op een rechtlijnige basis over de periode van zijn verwachte winst, die niet meer dan drie jaar bedraagt.

Rollend materieel
Rollend materieel wordt lineair afgeschreven tegen een afschrijvingspercentage van 20 %.

Kantoormeubilair en kantoormaterieel
Kantoormeubilair en kantoormaterieel worden lineair afgeschreven tegen een afschrijvingspercentage tussen 20 % en 33,3 %.

Financiële vaste activa
Tijdens het boekjaar worden geen herwaarderingen op de geldbeleggingen toegepast. In de loop van het boekjaar werden deelnemingen geherwaardeerd. De Raad van Bestuur heeft de statutaire boekwaardes van alle participaties in dochterondernemingen, en van de vorderingen op deze laatste geëvalueerd op basis van de business plannen en toekomstig verwachte kasstromen en besloot dientengevolge tot een bijkomende waardevermindering van €2.3 miljoen op de resterende participatiewaarde van Remoticom Holding BV.

132

Voorraden
De voorraden (handelsgoederen, grond- en hulpstoffen, goederen in bewerking, afgewerkte producten en producten voor herverkoop) worden gewaardeerd tegen gewogen gemiddelde prijzen bepaald op basis van de FIFO-methode of, indien die lager is, op basis van de marktwaarde (realisatiewaarde).

Producten
De producten worden gewaardeerd tegen kostprijs, voor zover rechtstreeks toerekenbaar.

Bestellingen in uitvoering
Bestellingen in uitvoering worden gewaardeerd tegen vervaardigingsprijs.

Schulden
Schulden op meer dan één jaar, niet-rentedragende en tegen een ongewoon lage rente zijn niet opgenomen in de passiva.

Vreemde valuta
Schulden, passiva en verplichtingen in vreemde valuta worden omgerekend tegen de wisselkoers op afsluitdatum. Transacties worden omgerekend tegen dagkoers. In de jaarrekening zijn de volgende koersverschillen gepubliceerd:
* positieve koersresultaten in vak IV - Financiële opbrengsten van de winst- en verliesrekening
* negatieve koersresultaten in vak V – Financiële kosten

Het verlies van het boekjaar bedraagt 4,6 miljoen EUR, tegenover 7,0 miljoen EUR in 2024. Tijdens het boekjaar werd een kapitaalverhoging door incorporatie van verliezen doorgevoerd van 17,8 miljoen EUR. Hierdoor bedraagt het overgedragen verlies per eind 2025 4,6 miljoen EUR. Gezien ten gevolge van dit overgedragen verlies het nettoactief gedaald is tot minder dan de helft van het geplaatst kapitaal, heeft het bestuursorgaan, in het kader van de alarmbelprocedure (toepassing van art 7:228 WVV) een bijzonder verslag opgemaakt waarin het uiteenzet welke maatregelen voorgesteld worden om de continuïteit van de vennootschap te vrijwaren. De algemene vergadering van 29 mei 2026 zal gevraagd worden om te besluiten over de te nemen en de genomen maatregelen, zoals opgenomen in het bijzonder verslag, om de continuïteit van de vennootschap te vrijwaren.

133

5. INVESTOR RELATIONS EN FINANCIËLE KALENDER

Het aandeel van OPTION NV op Euronext
Sinds 5 augustus 2003 noteren de aandelen op de eerste markt van Euronext Brussel. De aandelen van Option NV (voorheen: Option NV) worden verhandeld op de continumarkt onder de ticker OPTI.

Evolutie van het aandeel in 2025 op Euronext
* Aantal noterende aandelen per 31/12/2025: 2 534 641 145
* Aandelenkoers per jaareinde: 0,009
* Marktkapitalisatie (miljoen EUR): 22,8
* Hoogste sluitkoers (EUR) - op 11 november 2025: 0,014
* Laagste sluitkoers (EUR) - op 29 september 2025: 0,004
* Free float: 52,93%

In 2025 werden op Euronext in totaal 520 913 000 aandelen verhandeld (2024: 665 398 706 aandelen) op 255 beursdagen wat een gemiddelde van 2 042 796 aandelen per dag (2024: 257 beursdagen, 2 589 096 aandelen per dag) betekent voor de gemiddelde dagelijkse omzet van € 17 962 (2024: € 30 369) en een gemiddelde VWAP (Volume weighted average price) van € 0,00757 (2024: € 0,01073).

134

Financiële agenda
Option zal in 2026 haar financiële informatie en bedrijfsupdates bekendmaken op de volgende data:
* Jaarresultaten en financieel verslag 2025; woensdag 29 april 2026
* Algemene Vergadering van Aandeelhouders boekjaar 2025: vrijdag 29 mei 2026 om 10u

Voor nadere bijzonderheden over de informatie in deze jaarrekening of voor inlichtingen over Option NV en over documenten ingediend om te voldoen aan de transparantieverplichtingen van de vennootschap betreffende de kennisgeving van deelneming van aandelen, gelieve contact op te nemen met:
Option
Erwin Laureys
Geldenaaksebaan 329
B-3001 Leuven, België
Tel.: +32 (0)16 31 74 11
E-mail: [email protected]

135

6. VERKLARING VERANTWOORDELIJKE PERSONEN

De ondergetekenden, Van Zele Holding NV, vast vertegenwoordigd door Eric Van Zele, Voorzitter Raad van Bestuur en Erwin Laureys, CFO van Option NV, verklaren dat, voor zover hen bekend:
a) de geconsolideerde jaarrekening voor het jaar eindigend op 31 december 2025 opgesteld is overeenkomstig de International Financial Reporting Standards (“IFRS”), zoals gepubliceerd door de International Accounting Standards Board (IASB) en goedgekeurd door de Europese Unie, en een getrouw beeld weergeeft van de geconsolideerde financiële positie en van de geconsolideerde resultaten van Option NV en haar in de consolidatie opgenomen dochterondernemingen;
b) het beheersverslag voor het jaar eindigend op 31 december 2025 een getrouw beeld geeft van de evolutie van de activiteiten, de resultaten en de situatie van Option NV en haar in de consolidatie opgenomen dochterondernemingen, alsmede een beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee Option NV geconfronteerd wordt.

Leuven, 28 april 2026
Van Zele Holding NV
vast vertegenwoordigd door Eric Van Zele
Voorzitter Raad van Bestuur
Option NV

Erwin Laureys
CFO
Option NV

136

7. BEDRIJFSWIJZER, STAND PER EINDE 2025

NAAM OPTION NV
RECHTSVORM Naamloze Vennootschap naar Belgisch recht
ADRES Geldenaaksebaan 329, B-3001 LEUVEN
TELEFOON +32(0)16 31 74 11
E-MAIL [email protected]
WEBSITE www.option.com
ONDERNEMINGSNR. 0429 375 448
BTW BE 429 375 448
OPRICHTINGSDATUM 3 juli 1986
DUUR Onbepaalde duur
COMMISSARIS KPMG Bedrijfsrevisoren
AFSLUITDATUM BOEKJAAR 31 december
MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL € 1,950,216.25
AANTAL AANDELEN 2,534,641,145
JAARLIJKSE VERGADERING Laatste werkdag van mei om 10u
BEURSNOTERING Euronext – continumarktStock – Ordinary Stock - Continuous – compartment B – ticker OPTI

137

8. VERKLARENDE WOORDENLIJST

BOEKWAARDE PER AANDEEL
Het totale eigen vermogen gedeeld door het aantal gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.

EBIT (Earnings Before Interest and Taxes)
Winst voor aftrek van rente en belastingen. Bedrijfsresultaat.

REBIT (Recurring Earnings Before Interest and Taxes)
Recurrente Winst voor aftrek van rente en belastingen. Bedrijfsresultaat verhoogd door aftrek van niet-weerkerende herstructureringskosten en eenmalige kostelementen. Dit bedrag geeft een goede indicatie van het bedrijfsresultaat zonder impact van kosten uit het verleden en niet weerkerende eenmalige kosten en geeft zo een beter beeld van het inherent befrijfsresultaat en de evolutie ervan.

EBITDA (Earnings Before Interest, Taxes, Depreciation and Amortization)
EBIT plus afschrijvingen en (bijzondere) waardeverminderingen. Dit bedrag geeft de kasgeneratie of het kasverlies van de operaties aan zonder de bewegingen in werkkapitaal, investeringen en financieringen.

REBITDA (Recurring Earnings Before Interest, Taxes, Depreciation and Amortization)
REBIT plus afschrijvingen en (bijzondere) waardeverminderingen. Dit bedrag geeft de kasgeneratie of het kasverlies van de inherente operaties aan zonder de bewegingen in werkkapitaal, investeringen en financieringen, en zonder de impact van kosten uit het verleden of niet weerkerende eenmalige kosten.GEWOGEN GEMIDDELD AANTAL GEWONE AANDELEN Aantal aandelen uitstaand bij het begin van de periode, aangepast voor het aantal aandelen geannuleerde, wederingekochte of uitgegeven aandelen gedurende de periode vermenigvuldigd met een tijdscorrigerende factor.

KASSTROOM PER AANDEEL Nettowinst plus niet kaskosten (o.a. afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen) gedeeld door het aantal gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.

NETTO-INVESTERINGSUITGAVEN Aankopen van materiële en immateriële vaste activa, verminderd met de opbrengst van verkopen.

NETTO FINANCIËLE SCHULD Kort- en langlopende financiële schulden verminderd met de beschikbare liquide middelen. Dit bedrag geeft een beeld van de financiële schuld die netto aflosbaar blijft.

WERKKAPITAAL Vlottende activa min vlottende passiva.

NETTO WERKKAPITAAL 138 Het verschil tussen Voorraden en handels- en overige vorderingen enerzijds en handels-en overige schulden anderzijds. Dit bedrag geeft een indicatie van het zeer korte termijn kasoverschot of -nood.

WINST PER AANDEEL Nettowinst gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen. 139

9. SOCIALE VERANTWOORDELIJKHEID

Op het ogenblik wordt binnen de Europese Unie werk verder gemaakt van richtlijnen voor de toekomstige ESG rapportering, en worden voor ondernemingen rapportagenormen uitgewerkt waarover in de komende jaren vroeger of later verslag zal worden uitgebracht. Option houdt zich al een tijd aan onderstaande regels inzake bedrijfsethiek, maar heeft ook een aantal concrete stappen gezet die bijdragen aan milieu en maatschappelijk welzijn.

Met name in haar divisie Lighting worden door haar aanbod van LED luminaires en licht controllers voor slimme verlichting, oplossingen aangeboden die aan de klanten toelaten een belangrijke energiebesparing te kunnen realiseren. In de divisie Option zijn een aantal IoT use cases bestaande met sensoren en gateways die bijdragen tot het verbeteren van onze leefwereld zoals sensoren die o.a. toelaten luchtkwaliteit, geluidsterkte, … te meten zodat maatregelen kunnen worden genomen ter verbetering van de gemeten waardes indien nodig, of die alarmen geven bij verspilling van natuurlijke hulpbronnen (bijv. waterlekdetectie)

Voor de groep heeft Option beslist alle bedrijfswagens in de toekomst te electrificeren, zodat haar carbonprint in de toekomst zal dalen. Inzake maatschappelijk welzijn, wordt assemblage van de LED luminaires van Innolumis sinds jaar en dag uitbesteed aan twee sociale werkplaatsen in Nederland, waardoor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt toch kunnen worden ingezet voor de productie.

VERKLARING INZAKE BEDRIJFSETHIEK

Option heeft oog voor haar verantwoordelijkheid om zich ethisch te gedragen bij het nastreven van haar bedrijfsdoelstellingen. Daarom legt de Groep de volgende ethische verklaring af. Option NV, met inbegrip van al haar dochterondernemingen, aanverwante bedrijven en/of geconsolideerde holdings, neemt volgende praktijken in acht:

Investeringen: We zullen niet investeren in een van de volgende gebieden:
* marketing, ontwikkeling of productie van nucleaire, chemische of biologische wapens
* marketing, ontwikkeling of productie van oorlogswapens of andere bewapening
* marketing, ontwikkeling of productie van producten waarbij dierenhuiden of dierenproeven betrokken zijn
* marketing, ontwikkeling of productie van pornografie, de seksindustrie, harddrugs of tabak

Tewerkstelling: We zullen de onderstaande activiteiten niet beoefenen:
* gebruik van kinderen onder de wettelijke leeftijd voor tewerkstelling
* gebruik van verplichte arbeid of dwangarbeid

Discriminatie: We zullen onze werknemers niet discrimineren:
* om redenen van ras, huidskleur, geslacht, seksuele geaardheid, religie, politieke overtuiging, leeftijd of nationaliteit
* om redenen van zwangerschap of zwangerschapsverlof of vaderschapsverlof

Inkoop: 140 We zullen de nodige controles en procedures invoeren om te verzekeren dat al onze leveranciers en onderaannemers:
* ethische normen hanteren die de bovenstaande zaken niet in het gedrang brengen
* de nodige controles en procedures hebben ingevoerd die verzekeren dat hun leveranciers of onderaannemers de bovenstaande zaken niet in het gedrang brengen

Corruptiepreventie: In onze distributie- en leveringsakkoorden zullen we clausules opnemen die omkooppraktijken verbieden. Binnen ons personeelsbeleid werken we maatregelen uit die we kunnen en zullen nemen om corruptie en fraude te voorkomen

TAAL VAN DIT JAARVERSLAG

Option is krachtens de Belgische wetgeving verplicht zijn jaarverslag in het Nederlands op te stellen. Option heeft ook een verkorte Engelse vertaling van dit jaarverslag gemaakt. Bij tegenstrijdigheid tussen de Engelse en Nederlandse versie van dit jaarverslag, is de Nederlandse brontekst bindend.

BESCHIKBAARHEID VAN HET JAARVERSLAG

Dit jaarverslag is alleen in elektronische vorm beschikbaar. Deze elektronische versie kan worden gedownload via het internet op de website van Option (www.option.com). Andere informatie op de website van Option of op enige andere website, maakt geen deel uit van dit jaarverslag.

TOEKOMSTGERICHTE UITSPRAKEN

Dit jaarverslag bevat toekomstgerichte uitspraken, daaronder zonder beperking inbegrepen uitspraken met de woorden “is van oordeel”, “verwacht”, “is van plan”, “is voornemens”, “streeft ernaar”, “naar verwachting”, “naar schatting”, “zal”, “wil”, en soortgelijke uitdrukkingen. Deze toekomstgerichte uitspraken reflecteren bekende en onbekende risico’s, onzekerheden en andere factoren die tot gevolg kunnen hebben dat de werkelijke resultaten, financiële toestand, prestaties of verwezenlijkingen van Option, of bedrijfsresultaten wezenlijk verschillen van de toekomstige resultaten, prestaties of verwezenlijkingen uitgesproken of geïmpliceerd in deze toekomstgerichte uitspraken. Gezien deze onzekerheden wordt de lezer afgeraden overmatig te vertrouwen op deze toekomstgerichte uitspraken. Deze toekomstgerichte uitspraken zijn uitsluitend gemaakt op datum van dit jaarverslag. Option wijst uitdrukkelijk elke verplichting af om deze toekomstgerichte uitspraken in dit jaarverslag bij te werken rekening houdend met een wijziging van de desbetreffende verwachtingen of een verandering van gebeurtenissen, voorwaarden of omstandigheden waarop deze uitspraak berust, tenzij een dergelijke uitspraak is voorgeschreven in de geldende wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen.