AI assistant
Bekaert NV — Annual Report 2025
Mar 27, 2026
3915_10-k_2026-03-27_a7d11e04-99c8-4e6a-842e-d1a92c587e23.xhtml
Annual Report
Open in viewerOpens in your device viewer
bekb-2025-12-31-nl iso4217:EUR iso4217:EUR xbrli:shares 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:IssuedCapitalMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:SharePremiumMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:RetainedEarningsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:TreasurySharesMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:MiscellaneousOtherReservesMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2023-12-31 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:RetainedEarningsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:IssuedCapitalMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:SharePremiumMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-01-01 2024-12-31 ifrs-full:TreasurySharesMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:IssuedCapitalMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:SharePremiumMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:RetainedEarningsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:TreasurySharesMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:MiscellaneousOtherReservesMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember 5493008SR6XZECH6BN7 2024-12-31 ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:MiscellaneousOtherReservesMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 ifrs-full:RetainedEarningsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-01-01 2025-12-31 ifrs-full:TreasurySharesMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:IssuedCapitalMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:SharePremiumMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:RetainedEarningsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:TreasurySharesMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember 5493008SR6XZECH6BN7 2025-12-31 ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember
Vormgeven van de manier waarop we leven en bewegen
Veilig — Slim — Duurzaam
Inhoudstafel
DEEL I: Strategie & Prestaties 4
Woord van de Voorzitter en Gedelegeerd Bestuurder 6
Bekaert in een oogopslag 8
DEEL II: Verklaringen 48
Corporate governance verklaring 50
Financieel Overzicht 89
Duurzaamheidsinformatie 200
DEEL III: Over dit rapport 300
Rapporteringsprincipes 302
Verklarende woordenlijst 303
Verklaring van de verantwoordelijke personen 305
Deel 1 Strategie & Prestaties
Woord van de Voorzitter en de Gedelegeerd Bestuurder 6
Bekaert in een oogopslag 8
Over ons 9
Onze hoogtepunten 10
Onze strategie 11
Onze divisies 15
Onze stakeholders 19
Onze kennis en innovatie 22
Onze financiële performantie 27
Ons leiderschap 35
Jürgen Tinggren
Voorzitter van de Raad van Bestuur
Yves Kerstens
Gedelegeerd Bestuurder
Woord van de Voorzitter en Gedelegeerd Bestuurder
Bekaert Jaarverslag 2025 − 7 −
Versterkte operationele veerkracht en cashgeneratie
Beste Aandeelhouders,
Het jaar 2025 werd gekenmerkt door aanzienlijke verschuivingen in het wereldwijde handelsbeleid en de toenemende geopolitieke en economische onzekerheid. Importtarieven en escalerende handelsspanningen ondermijnden de vraag in veel van onze belangrijkste markten doordat klanten voorzichtiger werden. Ondanks deze uitdagingen leverde Bekaert verdienstelijke en veerkrachtige prestaties. Onze resultaten tonen de voordelen aan van de strategische transformatie van de voorbije jaren die Bekaert wendbaarder, kosteneffectief en klaar voor de toekomst hebben gemaakt.
In 2025 hebben we onze wereldwijde productievoetafdruk verder geoptimaliseerd en onze kostenbasis verder verlaagd. Daarnaast maakte de tragere groei in de eindmarkten voor de energietransitie aanpassingen in de business noodzakelijk. Deze acties hebben het operationele hefboomeffect versterkt en Bekaert in een goede positie gebracht om de marges te verbeteren naarmate de volumes herstellen. We zijn ook doorgegaan met het stroomlijnen van onze activiteitenportefeuille door prioriteit te geven aan producten met een hogere marge en door ons terug te trekken uit gecommoditiseerde activiteiten. Deze acties versterken onze langetermijnambitie om Bekaert winstgevender en veerkrachtiger te maken en consistent winstgevende rendementen en sterke kasstromen te genereren doorheen de cyclus.
Duurzaamheid blijft een kernelement van onze strategie, die onze product- en marktprioriteiten bepaalt, verbeteringen in onze activiteiten stimuleert en een veilige, eerlijke en inclusieve werkomgeving bevordert. Onze inspanningen werden door CDP beloond met een ‘A’-score voor Klimaatverandering, wat ons leiderschap op het gebied van milieutransparantie en ons streven naar het creëren van waarde door middel van duurzaamheid onderstreept.
De omzet bedroeg € 3,7 miljard in 2025 en de onderliggende EBIT bedroeg € 297 miljoen, wat neerkomt op een EBITu-marge van 8,0%. Het behalen van dat niveau van winstgevendheid in een uitdagende omgeving bewijst de verbeteringen die Bekaert de laatste jaren heeft doorgevoerd. Onze gedisciplineerde focus op het genereren van cash resulteerde in een ratio tussen nettoschuld en onderliggende EBITDA van 0,4x aan het eind van het jaar, wat de kracht van onze balans weerspiegelt. In lijn met deze aanhoudende financiële veerkracht zal de Raad van Bestuur de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders in mei 2026 een brutodividend van € 1,95 per aandeel, een stijging van 3% ten opzichte van vorig jaar voorstellen. Daarnaast hebben we in 2025 ongeveer € 100 miljoen aan aandelen ingekocht als onderdeel van ons aandeleninkoopprogramma.
Als we naar de toekomst kijken, zullen we prioriteit geven aan het herstellen van de groei in onze eindmarkten. We willen innovatieve producten en opkomende technologieën ontwikkelen of verwerven die onze groeiambities op lange termijn ondersteunen en onze positie in belangrijke markten en regio's versterken.
We waarderen enorm het blijvende vertrouwen en de steun van onze klanten, businesspartners en aandeelhouders in dit uitdagende jaar. We willen ook al onze medewerkers oprecht bedanken voor hun niet-aflatende inzet, ambitie en better together mindset. Samen zijn we goed gepositioneerd om de kansen en uitdagingen aan te gaan die ons in 2026 te wachten staan.
Yves Kerstens
Gedelegeerd Bestuurder
Jürgen Tinggren
Voorzitter van de Raad van Bestuur
Bekaert in een oogopslag
Bekaert Jaarverslag 2025 − 9 −
Over ons
Wie we zijn
Bekaerts ambitie is de toonaangevende partner te zijn in het vormgeven van de manier waarop we leven en bewegen — veilig, slim en duurzaam. Bekaert, opgericht in 1880 en met hoofdzetel in België, is een globale technologische onderneming waarvan de 19 000 medewerkers wereldwijd bijdroegen aan € 3,7 miljard geconsolideerde omzet in 2025.
Wat we doen
Als wereldmarkt- en technologieleider in de materiaalkunde van staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën past Bekaert zijn expertise ook toe in andere domeinen dan staal om nieuwe oplossingen te ontwikkelen met innovatieve materialen en diensten voor markten zoals nieuwe mobiliteit, duurzaam bouwen, en energietransitie.
Onze aanpak
Van een positieve impact met duurzame oplossingen tot een diverse en inclusieve toekomst: Bekaert is vastbesloten om het leven te verbeteren en waarde te creëren voor alle stakeholders. Bekaert verwezenlijkt zijn duurzaamheidsstrategie door het ontwikkelen en aanbieden van duurzame oplossingen, door materialen en energie verantwoordelijk te gebruiken, de hoogste ethische standaarden aan te houden en veiligheidsnormen na te leven en medewerkers en zakenpartners te engageren.Bekaert Jaarverslag 2025 − 10 − Onze hoogtepunten
Bekaert Jaarverslag 2025 − 11 − Onze strategie
Onze ambitie is om de toonaangevende partner te zijn in het vormgeven van hoe we leven en bewegen — veilig, slim en duurzaam. We willen de voorkeurspartner zijn van onze klanten door de kritische uitdagingen en opportuniteiten waarmee zij geconfronteerd worden aan te pakken. Hoewel veel van onze markten te maken hebben met aanzienlijke en snelle veranderingen, is het uitvoeren van onze strategie van cruciaal belang om deze uitdagingen het hoofd te bieden en onze algemene ambitie waar te maken. Hoewel wereldwijde economische en geopolitieke factoren voor enige vertraging hebben gezorgd in de voortgang van onze groeiplatformen, blijft onze strategische focus hetzelfde.
Onze strategische prioriteiten
Bekaert heeft duidelijke strategische prioriteiten die gericht zijn op versnelde waardecreatie en winstgevende groei. Deze strategische prioriteiten zullen ons in staat stellen om onze ambities voor de middellange tot lange termijn op het gebied van omzetgroei, winstgevendheid, rendement op kapitaal en duurzaamheid te realiseren.
1. Focus op klanten en eindmarkten
We transformeren de businesses van Bekaert om meer marktgedreven en klantgericht te zijn, waarbij we ons richten op snelgroeiende markten die ondersteund worden door megatrends en hogere marges. Door dichter bij onze klanten en hun ecosystemen te staan, kunnen we innovatie stimuleren, marktkansen benutten en aan de top van onze sector blijven.
2. Implementatie van het 'Target Operating Model'
Snel veranderende markten met sterkere concurrentie vereisen meer wendbaarheid van elke divisie. Daarom implementeren we een nieuw Target Operating Model (TOM), waarbij we starten met de divisie Rubberversterking (RR), om zelfvoorzienende en krachtige divisies te creëren. De verschuiving naar een divisie-gerichte structuur brengt de beslissingsbevoegdheid, mogelijkheden en verantwoordelijkheid dichter bij de business, waardoor ze beter in staat zijn om snel te reageren op veranderingen in de markt. Door zowel de efficiëntie als de effectiviteit te verbeteren, is de nieuwe structuur ontworpen om ons concurrentievermogen te verbeteren en ons uiteindelijk in staat te stellen onze klanten beter van dienst te zijn. TOM zal ervoor zorgen dat de middelen worden gericht op de frontlinie om onze marktconnectiviteit en -inzicht te verbeteren. Teams worden gedecentraliseerd en verankerd in businesses om de efficiëntie en verantwoordelijkheid te verbeteren. Ten slotte zijn we de structuur van ons corporate center aan het herontwerpen om actief portefeuillebeheer, kapitaalallocatie en toezicht op de prestaties effectief aan te sturen. Het corporate center zal ook een rol spelen in het selectief ondersteunen van elke divisie op basis van hun behoeften en bedrijfsvolwassenheid.
3. Prestatiegerichte cultuur
Onze mensen vormen de kern van ons succes. We richten ons op het identificeren van prioritaire vaardigheden en capaciteiten om aan de huidige en toekomstige behoeften te voldoen. We zorgen ervoor dat de basis goed zit om een prestatiegerichte, ambidextere organisatie te vormen met het vermogen om zich aan te passen en businesses met verschillende behoeften, uitdagingen en technologische maturiteit te beheren. Een mentaliteit die gericht is op topprestaties en krachtige teams zijn belangrijke factoren om onze toekomstige groei te stimuleren. We zullen ons sterk blijven richten op commerciële en operationele uitmuntendheid om veerkrachtige prestaties te bevorderen en te versterken en ervoor te zorgen dat we concurrerend blijven in een onzekere macro- economische omgeving die wordt gekenmerkt door aanzienlijke verschuivingen in het wereldwijde handelsbeleid. Onze resultaten van dit jaar tonen de voordelen aan van de strategische transformatie die we de voorbije tien jaar hebben doorgevoerd, in het bijzonder de optimalisatie van onze wereldwijde productievoetafdruk en verbeterde cashgeneratie, die Bekaert wendbaarder, kostenconcurrerend en klaar voor de toekomst hebben gemaakt.
4. Innovatie versnellen om onze marktposities te versterken
Innovatie blijft essentieel voor Bekaerts technologisch en marktleiderschap. Bekaert verankert innovatie meer en meer binnen elke individuele divisie, wat zorgt voor een nauwe band en een goed begrip van de behoeften van de klant. Deze decentralisatie wordt echter nog steeds ondersteund door capaciteiten die de verschillende businesses met elkaar delen, in het bijzonder onze metallurgische, elektrochemische en corrosie-expertise.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 12 −
We bouwen sleutelposities op in elk specifiek zakelijk ecosysteem. Bijvoorbeeld onze samenwerking met grote bandenfabrikanten om het gebruik van gerecycleerd staal te verhogen, wat bijdraagt aan de circulaire economie, onze deelname aan technologiegedreven consortia zoals Hydrogen Europe of onze lopende samenwerking met belangrijke leveranciers van verankering- en hijsapparatuur om een revolutie teweeg te brengen in de inspectie van staalkabels wat aanzienlijke voordelen oplevert zoals langere operationele veiligheid, langere levensduur van touwen, hogere productiviteit en duurzaamheid. Andere voorbeelden van innovatie dankzij een sterke samenwerking tussen ecosystemen zijn onder andere: Onze geavanceerde staalkernen voor hoogspanningsgeleiders met lage doorzakking op de Noord-Amerikaanse markt, die helpen om de capaciteit van bestaande elektriciteitscorridors te verhogen om de elektrische capaciteit uit te breiden, of onze synthetische Bexco hijsbanden met hoge sterkte, die een snelle en efficiënte installatie mogelijk maken van XXL- monopaalfunderingen voor offshore-windenergie met een vaste bodem.
5. Duurzaamheid
Duurzaamheid blijft de kern van onze strategie, met een allesomvattende benadering van de dimensies milieu, maatschappij en goed bestuur (ESG). Het is onze ambitie om erkend te worden als de toonaangevende speler op het gebied van duurzaamheid in onze sector door in te spelen op de essentiële behoeften van onze klanten tijdens hun eigen duurzaamheidstraject. Daarom blijven we de ontwikkeling en commercialisering van onze duurzame oplossingen versnellen om de overgang naar een schonere, duurzamere toekomst te ondersteunen. We zorgen ervoor dat ESG is verankerd in alle onderdelen van onze businesses en onze manier van werken, van het verbeteren van de duurzaamheid en koolstofvoetafdruk van onze activiteiten, het bevorderen van een veilige en inclusieve werkomgeving en het streven naar ethische, eerlijke processen en transparant deugdelijk bestuur. Raadpleeg de ESG-verklaringen voor bijkomende informatie over duurzaamheid bij Bekaert.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 13 − Onze markten
Bekaert blijft zich ontwikkelen tot een marktgedreven organisatie, gericht op eindmarkten, ondersteund door wereldwijde megatrends. We hebben sterke posities in elk van deze eindmarkten, zowel in opkomende als in bestaande technologieën.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 14 − Onze merken
Groei stimuleren met globale merken
Onze klanten bevelen Bekaert aan omwille van onze productkwaliteit, ons hoge serviceniveau en onze merkreputatie. We zullen de marktpositionering van elke divisie blijven versterken via onze globale productmerken, door het Bekaert-merk te versterken en door beter in te spelen op de behoeften van onze klanten. Onze huidige wereldwijde merken zijn Currento® voor groene waterstofproductie, Dramix®-vezels in duurzaam bouwen, Bridon®-staalkabels voor de bedrijfskritische segmenten van hijsen en verankeren en Bexco® synthetische touwoplossingen voor offshore hijs- en verankeringssystemen en scheepvaarttoepassingen. Ons doel is om de kritische beslissingen van onze klanten te ondersteunen en te vereenvoudigen met deze gewaardeerde en betrouwbare merken.
Bekaert is wereldwijd sterk aanwezig, zowel in productie als in marktdekking. Onze wereldwijde productievoetafdruk maakt een klantgerichte aanpak mogelijk door de toeleveringsketens te verkorten en tegelijkertijd waardevolle opties te bieden in een onzekere geopolitieke omgeving.
Strategie in actie: actief portefeuillebeheer en kapitaalallocatie
Onze strategie bestaat uit het actief beheren van onze activiteitenportefeuille en kapitaalallocatie om concurrentievermogen en differentiatie te garanderen en toekomstige kansen te maximaliseren. We zullen onze blootstelling verminderen aan markten met een beperkte groei, lagere marge, lager differentiatiepotentieel, hogere volatiliteit en kapitaalintensiteit. We zullen onze portefeuille blijven herzien om ervoor te zorgen dat we kapitaal toewijzen aan gebieden met een hogere groei en marge, terwijl we ons concurrentievermogen behouden en ook in de toekomst ‘fit-for-purpose’ blijven.
Naast onze organische groei zijn overnames een belangrijke drijfveer om onze posities in geselecteerde eindmarkten te versterken. We zijn actief op zoek naar nieuwe doelwitten voor fusies en overnames en richten ons daarbij op drie belangrijke strategische gebieden: duurzaam bouwen, geavanceerd hijsen en verankeren en energietransitie. In 2025 hebben we Twincon en Flexofibers overgenomen, twee belangrijke spelers op de markt van gerecycleerde vezels, waarmee we ons aanbod van oplossingen in Duurzaam Bouwen hebben uitgebreid.
Bekaert vermindert zijn blootstelling aan gecommoditiseerde en meer cyclische markten
In lijn met onze strategie om onze activiteitenportefeuille te transformeren door Bekaert te herpositioneren naar markten met hogere marges en tegelijk de blootstelling aan meer gecommoditiseerde en volatiele markten verminderen, heeft Bekaert zijn activiteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela verkocht. De transactie waardeerde de entiteiten op een geconsolideerde bedrijfswaarde van US$ 73 miljoen, wat overeenkomt met een impliciete EV/EBITDA multiple van 6,3x.Na de verkoop van onze Staaldraadtoepassingen-activiteiten in Latijns-Amerika in 2023 en 2025 zal Bekaert ongeveer 4% van zijn geconsolideerde omzet genereren in Latijns-Amerika, een daling ten opzichte van 18% in 2022. Onze groei wordt ondersteund door een goed uitgebalanceerde strategie voor kapitaalallocatie. Dankzij onze zeer lage financiële hefboom, sterke kasstroom, aanzienlijke liquiditeit en evenwichtige schuldlooptijd, bevinden we ons in een goede positie om zowel organische als anorganische groei na te streven terwijl we het aandeelhoudersrendement progressief laten groeien.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 15 −
Onze divisies
De divisie Rubberversterking van Bekaert ontwikkelt, produceert en levert hoogwaardige staalkoord- en hieldraadproducten en -oplossingen voor de bandensector. Om de top-30 en andere bandenfabrikanten wereldwijd te bedienen, heeft de divisie een globale aanwezigheid met productie-eenheden in EMEA, de VS, India, Zuidoost-Azië, China en Brazilië. Ongeveer één op vier banden over de hele wereld is versterkt met Bekaert staalkoord.
Waardedrijfveren en strategische focus
- Wereldwijde voetafdruk met sterke lokale aanwezigheid – Veiligheid van de toeleveringsketen – Kostenconcurrentievermogen
- Marktleiderschap door innovatie – Sterk marktaandeel in staalkoord wereldwijd – Gezamenlijke ontwikkelingsprogramma's en langetermijn- toeleveringscontracten met de klanten
- Oplossingen voor nieuwe mobiliteit en duurzaamheidstransformatie – Veiliger, lichtere en duurzame materialen – Hoger aandeel gerecycleerd staal
- Selectieve groei en optimalisatie van de mix – Wendbaarheid en veerkracht tegenover veranderende marktdynamieken met selectieve groei in doelregio's – Product-mix en voetafdrukoptimalisatie
- Veerkracht en efficiëntie – Cashgeneratie en margeperformantie verhogen – Focus op kost- en prijszettingsdiscipline
Rubber Reinforcement (RR)
Bekaert Jaarverslag 2025 − 16 −
Bekaerts divisie Staaldraadtoepassingen ontwikkelt, produceert en levert een zeer breed gamma van staaldraadproducten en -oplossingen aan klanten in diverse sectoren, waaronder energie- en nutsvoorzieningen, mijnbouw, bouw, landbouw, automobiel, medisch materiaal, en consumptiegoederen. De divisie heeft een globale aanwezigheid met productie-eenheden in EMEA, de VS, Latijns-Amerika en Azië, en een wereldwijd verkoop- en distributienetwerk.
Waardedrijfveren en strategische focus
- Transformationeel portefeuillebeheer – Focus op doelsectoren, waaronder energie en nutsvoorzieningen, en hoogwaardige toepassingen om de marge uit te breiden – Verlaten van gecommoditiseerde markten door het desinvesteren van zwakker presterende, cyclische businessegmenten
- Marges en cash-conversie verbeteren – Bekaerts expertise in staal, chemie en verwerking benutten om geavanceerde draadoplossingen in segmenten met hoge toegevoegde waarde te ontwikkelen en te industrialiseren – Sterke prijszettingsdiscipline ondersteund door AI – Operationele uitmuntendheid en activa- efficiënte operaties – Productmix en productievoetafdrukoptimalisatie
- Innovatie versnellen – Omzetgroei door innovatie – Incubatieprojecten opschalen
Staaldraadtoepassingen (SWS)
Bekaert Jaarverslag 2025 − 17 −
BBRG levert hoogwaardige oplossingen voor hijs- en verankeringstoepassingen in een groot aantal sectoren, waaronder offshore- en onshore- energie, oppervlakte- en ondergrondse mijnbouw, kranen en industrie, visserij en scheepvaart. De productportefeuilles van Bridon® en Bexco® bieden staalkabels en synthetische touwen voor bedrijfskritisch hijsen, heffen en verankeren. Voor liften biedt onze Flexisteel®-lijn geavanceerde hijsoplossingen voor liften met gecomprimeerde, schijfvriendelijke staalkabels die ontworpen zijn voor hoge tractie, lage rek en superieure levensduur qua buigvermoeiing in zowel conventionele systemen als systemen zonder machinekamer.
Waardedrijfveren en strategische focus
- Geavanceerde hijsoplossingen voor de liftindustrie met liftkabel, -riemen en Flexisteel®
- Geavanceerde digitale diensten gebaseerd op superieure VisionTek optische meettechnologie voor predictieve, kritische kabelperformantie
- Koolstofarm maken van de energie-mix: – Hijskabels en hijsbanden voor offshore wind – Stalen verankeringskabels en Bexco® synthetische touwoplossingen voor offshore-energie hijs- en verankeringssystemen en scheepvaarttoepassingen – Innovatieve verankeringsoplossingen voor drijvende windenergie op zee met Flintstone-connectoren en spanners
- Succesvolle ommekeer door optimalisatie van de voetafdruk en de businessmix
Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG)
Bekaert Jaarverslag 2025 − 18 −
De divisie Specialty Businesses omvat verschillende subsegmenten die een hoogstaande portefeuille van geavanceerde technologieën, lichtgewichtoplossingen, en milieuvriendelijke toepassingen delen. Het subsegment Duurzaam Bouwen richt zich op het reduceren van koolstofuitstoot in de bouwsector en ontwikkelt en produceert duurzame producten die beton, metselwerk, pleisterwerk en asfalt verstevigen. De subsegmenten slangendraad- en transportbandversterking, vezeltechnologieën, verbrandingstechnologieën, ultrafijne draad en waterstof, bedienen markten die de energietransitie beogen.
Waardedrijfveren en strategische focus
- Innovatie en geografische uitbreiding in duurzaam bouwen met Dramix® staalvezels, Synmix® synthetische vezels, en SigmaSlabTM voor betonwapening en een breed gamma andere producten en diensten die allemaal gericht zijn op: – Veilige installatiecondities – Verlaging CO2-uitstoot door de hoeveelheid gebruikt staal en beton te verlagen – Lagere totaalkost door reductie materiaal, arbeidsuren en tijdsduur – Hogere levensduur van activa
- Innovatie in de energietransitie met een aanbod van producten en diensten voor de productie, de distributie en het eindgebruik van koolstofarme en groene energieoplossingen: – Currento® poreuze transportlagen voor waterstofelektrolyse – Lage NOx- en (H2) nuluitstootbranders en warmtewisselaars – Groen staal en lichtgewicht oplossingen voor draadtoepassingen bij slangenversterking – Ultrafijne draad voor de productie van halfgeleiderwafers (chips) en halfgeleidercarbidewafers (e-mobiliteit) – Hoogwaardige filtratieoplossingen voor gas-, vloeistof- en polymeertoepassingen
Specialty Businesses (SB)
Bekaert Jaarverslag 2025 − 19 −
Onze stakeholders
Bekaert creëert waarde voor zijn stakeholders door de ondernemingsstrategie en - doelen te verwezenlijken, zowel wat betreft financiële performantie als in het helpen beantwoorden van maatschappelijke milieu- en sociale opportuniteiten en uitdagingen. Bekaert heeft een internationaal klantenbestand in mature en groeimarkten. We bedienen zowel globale als lokale klanten met een rijke portefeuille aan producten en diensten met toegevoegde waarde. Onze wereldwijde voetafdruk maakt een klantgerichte aanpak mogelijk door de toeleveringsketens te verkorten en tegelijkertijd waardevolle opties te bieden in een onzekere geopolitieke omgeving. Onze investeringen in onderzoek & innovatie en in digitale en duurzame oplossingen, bieden geavanceerde technologieën die onze klanten in staat stellen hun verwachtingen en ambities na te komen, wat waarde creëert voor hen. Bekaert is een vertrouwde partner in het aanbieden van kwalitatieve producten en oplossingen en toont een hoge graad van wendbaarheid in alle mogelijke omstandigheden. Onze hogere ambitie is om de toonaangevende partner te zijn in het vormgeven van hoe we leven en bewegen. We willen een voorkeurspartner zijn voor klanten die oplossingen ontwikkelen in nieuwe mobiliteit, duurzaam bouwen, groene energie, en geavanceerd hijsen en verankeren. Samen kunnen we de shift naar duurzame oplossingen in onze eindmarkten aansturen en versnellen.
19 000 Bekaert-medewerkers werken samen als één team om kwaliteitsproducten en - diensten af te leveren en bij te dragen tot onze performantie in veiligheid, digitale toepassingen, duurzaamheid en innovatie. Verenigd door dezelfde waarden — integriteit, vertrouwen, wendbaarheid en durf — werken we samen om onze business te doen groeien, om te inspireren en engageren, en om resultaten te behalen. Als onderneming en als individuen willen we integer handelen en verbinden we ons tot de hoogste standaarden van zakelijke ethiek. We promoten gelijke kansen, koesteren diversiteit en inclusie, en creëren een zorgende en veilige werk- omgeving doorheen onze organisatie. Zo motiveren we onze mensen om verder te durven gaan in het ontsluiten van hun volledige potentieel, een impact te hebben op de performantie, en in het verwezenlijken van nieuwe mogelijkheden. Dit werkgeverswaarde- voorstel is niet enkel relevant voor onze huidige medewerkers maar richt zich ook op toekomstig talent om ons te vervoegen in ons maatschappelijk doel en onze ambitie.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 20 −
Bekaert ondersteunt economische ontwikkeling en tewerkstelling door zakenrelaties en -activiteiten met leveranciers overal ter wereld. We werken samen met belangrijke leveranciers bij de ontwikkeling van nieuwe producten en diensten. We vereisen een formele verbintenis van onze leveranciers om te voldoen aan mensenrechten- en ethische business-standaarden. Bekaert werkt samen met businesspartners in joint ventures en in geconsolideerde entiteiten waarvan we mede-eigenaar zijn met minderheids- aandeelhouders. Met of zonder partners: Bekaert past altijd dezelfde hoge standaarden toe in zakelijke ethiek, gezondheid en veiligheid op de werkvloer, en hoog-performante teams en cultuur. Bekaert werkt samen met technologiepartners om innovaties te stimuleren in doelmarkten. Er zijn verschillende samenwerkings- vormen: door business- partnerschappen met industrieleiders en - associaties, door te investeren in bedrijven die opschalen met veelbelovende nieuwe technologieën, en door samen te werken met onderzoeks- en academische instellingen.Bekaert streeft ernaar duidelijke, tijdige en nauwkeurige informatie te verstrekken aan alle financiële stakeholders over de strategie, performantie en vooruitzichten van de onderneming. Deze financiële stakeholders bestaan uit aandeelhouders, institutionele en retail investeerders, en equity research analisten. Zij hebben toegang tot informatie over Bekaert via onze website, regelmatige persberichten, presentaties en webcasts, en individuele en groepsvergaderingen. De vergaderingen in 2025 omvatten fysieke en virtuele roadshows, beleggers- conferenties, presentaties voor analisten en de jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders Momenteel publiceren acht sell-side analisten equity research verslagen over Bekaert. We streven ernaar een maatschappelijk betrokken ondernemer te zijn binnen iedere gemeenschap waarin we actief zijn. We promoten en passen verantwoordelijke en duurzame businesspraktijken toe in onze relaties en operaties. We engageren ons om de milieu-impact van onze activiteiten te minimaliseren. We investeren in groene- energiebronnen en andere maatregelen om de uitstoot van onze operaties te verminderen. We steunen geen politieke organen en nemen een neutrale positie in ten aanzien van politieke kwesties. We veroordelen wel elke daad van geweld en agressie tegen mensen en iedere inbreuk tegen mensenrechten. We stimuleren economische activiteit en tewerkstelling in de locaties waar we actief zijn. De belastingen die we betalen dragen bij aan de ontwikkeling van gemeenschappen wereldwijd. Onze teams in 36 landen zijn trots om terug te geven aan de gemeenschap. We ijveren voor en onder- steunen initiatieven die de sociale en ecologische omstandigheden helpen verbeteren in gemeen- schappen over de hele wereld. We steunen lokale gemeenschapsprojecten en programma's voor noodhulp die een verschil maken in het leven van mensen, vooral in de gemeenschappen waar we actief zijn.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 21 −
Erkend door duurzaamheidsstandaarden
Dit verslag is opgesteld in overeenstemming met de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) en de bijbehorende ESRS-standaarden en als referentie met de standaarden van het Global Reporting Initiative (GRI). De voorbije jaren heeft Bekaert voortdurend vooruitgang geboekt in het verbeteren van zijn scores toegekend door belangrijke duurzaamheidsstandaarden zoals MSCI, ISS-ESG, EthiFinance en EcoVadis. Bekaert kreeg een 'A'-score voor Klimaatverandering in de rapporteringscyclus van CDP voor 2025. Met deze topnotering komt Bekaert op de gerespecteerde jaarlijkse 'A'-lijst van CDP, bij een selecte groep van sterk presterende bedrijven wereldwijd die blijk geven van uitgebreide rapportering, matuur milieubeheer en betekenisvolle vooruitgang richting een veerkrachtig milieubeleid. Bekaert behield een stabiele 'B'-score voor Water in de rapporteringscyclus van CDP voor 2025. Een overzicht van onze scores is te vinden op onze website. Van een positieve impact met duurzame oplossingen tot een diverse en inclusieve toekomst: Bekaert is vastbesloten om het leven te verbeteren en waarde te creëren voor alle stakeholders. We zijn er trots op dat onze prestaties en vooruitgang op het gebied van duurzaamheid worden erkend
Bekaert Jaarverslag 2025 − 22 −
Onze kennis en innovatie
- Onze onderzoeks- en innovatieactiviteiten zijn gericht op het creëren van waarde voor onze klanten, onze business en alle stakeholders, om op lange termijn succesvol te zijn.
- We co-creëren met klanten en leveranciers over de hele wereld om huidige en toekomstige technologieën te ontwikkelen, te implementeren, te upgraden en te beschermen.
- We luisteren naar onze klanten zodat we hun innovatie- en procesnoden begrijpen.
- We versnellen onze innovatieagenda en upgraden de innovatiepijplijn. We installeren Industrial Internet of Things (IIoT) in onze productie- en modelleringsinnovaties.
- We breiden onze scope van innovatieactiviteiten uit buiten het domein van staal om te groeien in nieuwe materialen, nieuwe markten, diensten en oplossingen.
- We bouwen kernposities uit in specifieke zakelijke ecosystemen om onze innovatieprogressie te versnellen en de voordelen van samenwerking tussen technologieleiders te benutten.
Innovatie is een prioriteit in de Bekaert-strategie. De Technologie- en Innovatie- (T&I) pijplijn is volledig gealigneerd met de prioriteiten die Bekaert vooropgesteld heeft voor zijn groeiplatformen, en dit door uitbreiding van de productportefeuille van duurzame oplossingen in de grote en groeiende eindmarkten gerelateerd aan duurzaam bouwen, energietransitie, geavanceerd hijsen en verankeren, en nieuwe mobiliteit. De bruto onderzoeks- en ontwikkelings- (O&O) uitgaven vóór aftrek van subsidies, fiscale voordelen en het kapitalisatie-effect van O&O projecten bedroegen € 69 miljoen in 2025, vergeleken met € 74 miljoen in 2024.
Hoogtepunten in 2025
Partnerschap met EMSTEEL om hoogwaardige, duurzame oplossingen te bevorderen
In november 2025 zijn Bekaert en EMSTEEL Building Materials PJSC (‘EMSTEEL’) een overeenkomst aangegaan om de productie en introductie op de markt te bevorderen van hoogwaardige, duurzame producten en oplossingen met staal dat door EMSTEEL in de VAE wordt geproduceerd.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 23 −
Partnerschap met IKK Mateenbar om hybride glasvezelversterkte kunststof- en staalvezelversterkte betonoplossingen te bevorderen
In oktober 2025 ondertekenden Bekaert en IKK Mateenbar een intentieverklaring om samen te werken aan oplossingen voor betonversterking met een lagere CO₂-uitstoot, die Saudi-Arabische glasvezelversterkte polymeer (GFRP) wapeningsstaven combineren met Bekaerts Dramix® staalvezels en Synmix® synthetische vezels. In het kader van de intentieverklaring kwamen de partijen overeen om gezamenlijk versterkingssystemen te ontwikkelen, te ontwerpen en te promoten voor industriële vloeren, buiten- en havenbestratingen, funderingsplaten, betonwegen en prefab elementen in het Midden-Oosten en Noord- Afrikaanse landen. Door Dramix® en Synmix® vezels te combineren met Mateenbar™ GFRP kunnen ontwerpers met vertrouwen voldoen aan veeleisende structurele en duurzaamheidsdoelstellingen. Staalvezels zorgen voor sterkte en scheurbeheersing, terwijl GFRP het risico op corrosie elimineert en het gewicht verlaagt, wat resulteert in duurzamer beton met een lagere CO₂-uitstoot aan een competitieve kost.
Inhera® duurzaamheidslabel — gecertificeerde innovatieve oplossingen voor een koolstofneutrale toekomst
In november 2025 lanceerde Bekaert inhera®, een duurzaamheidslabel dat ons engagement toont om de overgang naar een koolstofneutrale wereld te versnellen. Inhera® vestigt de aandacht op innovatieve oplossingen met topprestaties die voldoen aan strenge criteria, waaronder afstemming op toonaangevende industrienormen, en die bijdragen aan het terugdringen van koolstofemissies, het efficiënter gebruiken van hulpbronnen en het ondersteunen van circulariteit. Meer informatie is beschikbaar in de ESG-verklaringen in sectie E1-3 op pagina 239
Dramix® Loop™ - een innovatieve oplossing voor een van de grootste uitdagingen in de bandenindustrie
Bekaert onthulde Dramix® Loop™, zijn volgende generatie duurzame betonwapeningsoplossingen, op World of Concrete 2026 in Las Vegas. Deze innovatieve staalvezel voor betonwapening is volledig gemaakt van staal dat is teruggewonnen uit autobanden aan het einde van hun levensduur. Staalkoord voor banden is vaak afkomstig van Bekaert, waardoor deze oplossing een echt voorbeeld van circulariteit wordt. De vezels leveren een uitzonderlijke treksterkte en bijna geen koolstofuitstoot, en helpen zo een van de grootste uitdagingen van de bandenindustrie aan te pakken.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 24 −
Dyform® 8 PI Max
In september 2025 introduceerde Bekaert Dyform® 8 PI MAX, een hoogwaardige staalkabel die gebruikmaakt van Dyform® verdichte strengen en een dubbel verdichtingsproces volgens de MAX- technologie voor een verbeterde duurzaamheid en de beste levensduur bij de meerlaagse spoeling (MLS) in zijn klasse. Kunststofinjectie (PI) zorgt ook voor een interne demping tussen de onafhankelijke staalkabelkern (IWRC) en de buitenkabel, wat verschillende voordelen biedt:
- Verbeterde weerstand tegen corrosie: De kunststoflaag voorkomt dat water en corrosieve stoffen de kern van de staalkabel binnendringen.
- Verminderde interne wrijving: Het kunststofmateriaal vermindert de wrijving tussen de afzonderlijke strengen en de kern, waardoor slijtage op termijn aanzienlijk kan worden verminderd. Dit leidt tot een soepelere werking van de kabel en een langere levensduur.
- Verbeterde stabiliteit: Kunststofinjectie zorgt voor de stabiliteit van de kabel, waardoor de belasting beter wordt verdeeld en de buigvermoeiing wordt verminderd. Dit is vooral voordelig bij toepassingen waarbij de kabel vaak wordt gebogen of geplooid.
Bridon® staalkabels van Bekaert hebben een uitgebreide ervaring in offshore hijstoepassingen voor de olie- en gasindustrie, waar veiligheid, betrouwbaarheid en prestaties van cruciaal belang zijn. Deze diepgaande kennis, opgebouwd door jarenlang complexe offshore-uitdagingen aan te gaan, positioneert 'Bridon® Steel Wire Ropes by Bekaert' als de perfecte partner om toekomstige uitdagingen bij windinstallatieprojecten op zee op te lossen. Deze projecten omvatten complexe hijswerkzaamheden van grote onderdelen, waaronder funderingen, torens, bladen en gondels, waarvoor kabels nodig zijn die een lange levensduur en efficiëntie garanderen. Naarmate turbines groter worden, krijgen installatieschepen te maken met zwaardere belastingen, langere kraanarmen en meer hijswerkzaamheden per project, waardoor de duurzaamheid van kabels van cruciaal belang is. Dyform® 8 PI MAX is speciaal ontworpen om aan deze eisen te voldoen en garandeert betrouwbaarheid en prestaties voor de zich ontwikkelende offshore windsector.# Elyta® — De volgende generatie bandenversterking met mega-treksterkte
Elyta®, gelanceerd op Tire Tech Expo 2025, is Bekaerts aanbod van innovatieve en duurzame oplossingen van de volgende generatie voor de bandenversterking van personenauto's en lichte vrachtwagens. Deze oplossingen leveren een hogere treksterkte voor lichtere, efficiëntere premium banden en verbeteren het brandstofverbruik en het rijbereik door een betere rolweerstand. Door het gebruik van staal en rubber te verminderen, ondersteunt Elyta® de duurzaamheidsdoelstellingen van onze klanten door de koolstofvoetafdruk te verlagen en tegelijkertijd de brandstofefficiëntie en het rijbereik te verbeteren dankzij een betere rolweerstand.
Bekaert wint de Material Innovation Award op Tire Tech Expo 2025 voor bandenversterkingsoplossingen met mega‑treksterkte
'Green Point China – Sustainable Case Award' voor het bevorderen van de productie van koolstofarme banden
Green Point China (CGP), een initiatief gelanceerd door Shanghai Yi Cai (China's gezaghebbende financiële nieuwsmedia), erkent ondernemingen die duurzame consumptie en levensstijlen bevorderen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 25 −
Als onderdeel van deze missie heeft CGP de ‘Green Point China – Sustainable Case Awards’ in het leven geroepen om uitmuntende B2B- projecten te bekronen die de groene dynamiek in verschillende sectoren versnellen en duurzaamheidsverbeteringen in de hele toeleveringsketen mogelijk maken. Dit jaar werd Bekaert erkend voor zijn Ultra en Mega Tensile oplossingen, die het verbruik van grondstoffen helpen te verminderen en zo de productie van koolstofarme banden ondersteunen.
ISO-certificeringen
Op het einde van 2025 had 99% van de Bekaert- fabrieken een ISO 9001-certificaat (kwaliteit) en 88% een ISO 14001-certificaat (milieu), beide onder de koepel van een geïntegreerd managementsysteem op groepsniveau. Als erkende toeleverancier voor de automobielsector koos Bekaert ervoor om de betrokken productievestigingen te laten certificeren volgens de IATF 16949 vereisten voor kwaliteitsbeheer. Eind 2025 hebben 34% van onze fabrieken een IATF 16949-certificaat en zijn ze onderworpen aan een bedrijfsauditsysteem. Bovendien hebben 48% van onze fabrieken een ISO 45001-certificaat, wat aantoont dat we ons inzetten voor veilige en gezonde werkplekken. Bovendien zijn 9% van onze fabrieken nu ISO 50001 gecertificeerd, wat aan de stakeholders de duidelijke ambitie van Bekaert aantoont om efficiënter met energie om te gaan.
Engineering
Bekaerts eigen engineeringafdeling neemt een leidende rol op in de ontwikkeling van uitrustingstechnologie. Om dat mogelijk te maken hebben we de samenwerking met andere technologie-afdelingen en externe partners versterkt. Tegelijkertijd creëren we een ecosysteem met kennisclusters van engineeringoplossingen en -diensten die tot doel hebben de fabrieken te ondersteunen op hun weg naar productie op het hoogste niveau. De nabijheid van klanten en Bekaert-fabrieken, in combinatie met een uitgebreide marktkennis, stellen ons in staat snel opportuniteiten te onderzoeken en klaar te staan wanneer de markt om oplossingen vraagt.
Intellectuele eigendommen
In 2025 heeft Bekaert haar IP-portefeuille van meer dan 1 650 octrooien, gebruiksmodellen en ontwerpdossiers en meer dan 1 250 handelsmerkdossiers strategisch geheroriënteerd. De Bekaert Groep blijft streven naar innovatie en een holistische benadering van de bescherming van intellectuele eigendommen met betrekking tot nieuwe product- en procestechnologische ontwikkelingen, waaronder digitale activa en duurzame oplossingen. Tegelijkertijd zorgt de heroriëntatie van onze IP-portefeuille ervoor dat deze volledig is afgestemd op onze strategie en onze belangrijkste markten, zodat we onze IP op de meest optimale en effectieve manier kunnen inzetten.
Digital@Bekaert
Bij Bekaert zetten we ons in om geavanceerde technologieën te gebruiken om onze businesswaarde te verhogen en onze activiteiten te optimaliseren. Door de kracht van data, AI, automatisering, IoT en Cloud te benutten, verbeteren we onze processen en zorgen we voor een veilige en efficiënte structuur om uitzonderlijke waarde te leveren aan onze klanten.
Productiviteit, efficiëntie en voorspelbaarheid stimuleren
Onze operationele strategische initiatieven zijn gericht op het gebruik van digitale technologie om de efficiëntie te verbeteren en waarde op lange termijn te creëren. We blijven Manufacturing Execution System (MES) implementaties uitrollen in fabrieken met prioriteit, waarbij we geavanceerde functies integreren om de procesbeheersing en de optimalisatie van middelen te verbeteren. We hebben ook onze mogelijkheden op het gebied van 'Sales and Operations Planning' (S&OP) uitgebreid door de implementatie van prognosetools op basis van statistische optimalisatie en AI. Ons streven naar operationele uitmuntendheid werd verder aangetoond door het behalen van een 'Service Level Agreement' (SLA) van 99,99% voor gebruikte systemen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 26 −
Waarde creëren voor onze klanten
We hebben aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het uitbreiden van onze digitale verkoopkanalen in verschillende divisies, met als doel de omzet te laten groeien en tegelijkertijd de servicekosten te verlagen. Door de inzet van innovatieve digitale tools en platforms verbeteren we de klantbetrokkenheid en stroomlijnen de verkoopprocessen. Als gevolg van al onze inspanningen op het gebied van digitale klantkanalen zagen we dit jaar een aanzienlijke verbetering van onze NPS-resultaten.
AI en automatisering benutten: bouwen aan een toekomstgerichte ERP en verhogen van de productiviteit bij Bekaert
De toekomst van productiviteit bij Bekaert zal ondersteund worden door de integratie van AI, Generative AI en automatisering in onze processen. Deze technologieën bieden mogelijkheden om productieactiviteiten te stroomlijnen, de besluitvorming te verbeteren en de efficiëntie aanzienlijk te verhogen. Om deze technologieën optimaal te benutten in de toekomst, stappen we in het tweede kwartaal van 2026 over naar SAP S/4HANA als ERP-systeem. Met deze upgrade beschikken we over een robuuste ERP-fundering, die bovendien kansen creëert voor toekomstige procesoptimalisaties. Er wordt verwacht dat de combinatie van SAP S/4HANA en AI-capaciteiten zullen bijdragen aan meer proactieve besluitvorming, verhoogde automatisering van routineactiviteiten en voortdurende procesoptimalisatie mogelijk maken.
Cyberbeveiliging — onze digitale activa beveiligen
Bekaert heeft een uitgebreid cyberbeveiligingsprogramma geïmplementeerd dat voldoet aan de beste industriële normen zoals ISO 27001, NIST CSF, IEC 62443 en COBIT (Control Objectives for Information Technologies). Dit programma voor het beheer van informatiebeveiliging zorgt ervoor dat wordt voldaan aan wettelijke, regelgevende en contractuele vereisten, waarbij intellectueel eigendom, handelsgeheimen en gegevens van medewerkers worden beschermd. Het zorgt voor de juiste gegevenstoegang, beschermt klantgegevens en wekt vertrouwen op bij klanten, partners en stakeholders door een sterke toewijding aan beveiliging te tonen. Daarnaast ondersteunt het de creatie van veilige en duurzame producten en diensten.
Onderzoeks- en innovatiepartnerschappen
In 2025 lag onze focus op het voortbouwen op de vooruitgang die in 2024 was geboekt en het uitbreiden van de pijplijn van groeikansen voor Bekaert. In lijn met de drie strategische focusgebieden — duurzaam bouwen, geavanceerd hijsen en verankeren en energietransitie — identificeerden we nieuwe externe partners en instellingen die de innovatie voor Bekaert kunnen versnellen. Dit resulteerde in sterke vooruitgang in verschillende kerntechnologieën, waardoor de divisies en strategieteams hun capaciteiten op het gebied van 'Core Technology & Innovation' (T&I) konden benutten. Over het algemeen versterken deze samenwerkingen onze strategische ontwikkelingsinspanningen door gebruik te maken van externe expertise binnen onze onderzoeks- en innovatieactiviteiten.
$^1$ EBITu = onderliggende EBIT, EBITDAu = onderliggende EBITDA en EPSu = onderliggende winst per aandeel, FCF = vrije kasstroom en alle zijn gedefinieerd als Alternatieve Prestatiemaatregelen (APM's). De volledige lijst van alle APM's is te vinden aan het einde van Deel II: Financiëel Overzicht.
$^2$ Vergelijkingen op vergelijkbare basis zijn exclusief het effect van wisselkoersverschillen, overnames, desinvesteringen en beëindigde bedrijfsactiviteiten. Deze hebben betrekking op de overname van BEXCO, de stopzetting van de productie in Indonesië en India bij Staaldraadtoepassingen (SWS) (alleen relevant voor 1H 2025) en op de verkoop van SWS-activiteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela, die op 30 juni 2025 werd afgerond (alleen relevant voor 2H 2025).
Bekaert Jaarverslag 2025 − 27 −
Onze financiële performantie
Financiële hoofdpunten 2025 $^1$
- Vierde kwartaal 2025 stabiele vergelijkbare $^2$ omzet tegenover vierde kwartaal 2024
- Volumegroei op vergelijkbare basis: +2% (€ +16 miljoen)
- Effecten van het doorrekenen van lagere inkoopkosten en prijs-mix van -2% (€ -15 miljoen)
- Totale geconsolideerde omzet van € 873 miljoen (-7%) door wisselkoerseffect van -4% (€ -42 miljoen) en de verkoop van gecommoditiseerde activiteiten in Latijns-Amerika (-3% of €-29 miljoen)
- Geconsolideerde omzet over het hele jaar 2025 van € 3,7 miljard (-6%) en vergelijkbare omzet$^2$ daalde met -2% (€ ‑95 miljoen)
- Met stabiele volumes (€ +10 miljoen) en een gecombineerd effect van het doorrekenen van lagere inkoopkosten en van een prijs-mix van -3% (€ -105 miljoen)
- Impact van overnames, desinvesteringen en stopgezette bedrijfsactiviteiten van -1% (€ -55 miljoen) en wisselkoerseffect van -3% (€ -102 miljoen)
-
Een onderliggende brutowinstmarge die gedaald is naar 16,0% ten opzichte van 17,3% in boekjaar 2024, voornamelijk door een zwakkere vraag in de eindmarkten voor bouw en energietransitie
- Structurele verbeteringen in kostenbasis en productievoetafdruk
- € 40 miljoen minder# overheadkosten
-
€ 39 miljoen operationele efficiëntieverbeteringen door structurele kostenbesparingen in productie- eenheden en verbeterde capaciteitsbenutting bij Rubberversterking in Azië
- Eenmalige herstructurerings- en bijzondere waardeverminderingskosten van € -162 miljoen om de voetafdruk aan te passen aan de vraag, met een beperkte cash-impact van slechts € -8 miljoen.
- Goede margeprestaties, waarbij structurele maatregelen en het doorrekenen van kosten de impact van tarieven, een ongunstige product- en regiomix, valuta en desinvesteringen verzachten
- EBITDAu van € 469 miljoen (-10%), EBITDAu-marge op omzet van 12,7% (vs 13,1% in het volledige jaar 2024)
- EBITu van € 297 miljoen (-15%), EBITu-marge van 8,0% (vs 8,8% in het volledige jaar 2024)
- EPSu van € 4,52 (-19% vs €5,55 in het volledige jaar 2024), en lagere gerapporteerde EPS van € 1,33 (-71% vs € 4,56 in het volledige jaar 2024) als gevolg van herstructurerings- en bijzondere waardeverminderingskosten
- Zeer sterke cashgeneratie door gedisciplineerd beheer van werkkapitaal en kapitaaluitgaven
- Vrije kasstroom (FCF) van € 314 miljoen, een stijging van 63% vergeleken met € 193 miljoen in het volledige jaar 2024
- Beperkt nettocash-effect van € -8 miljoen door de eenmalige kosten van € -162 miljoen
- Verdere vermindering van de nettoschuld (€ 180 miljoen tegenover € 283 miljoen in het volledige jaar 2024), wat resulteert in een nettoschuld/EBITDAu van 0,4x (tegenover 0,5x in het volledige jaar 2024)
- Voorgestelde dividendverhoging van € 1,90 naar € 1,95 per aandeel, naast de lopende aandeleninkoop ter waarde van € 200 miljoen
Bekaert Jaarverslag 2025 − 28 −
Veerkrachtige resultaten en sterke kasstroom ondersteund door kostenbeheer en herstructurering
Bekaert leverde een veerkrachtige prestatie in 2025. Het jaar werd gekenmerkt door verschuivingen in het wereldwijd handelsbeleid die voor onzekerheid zorgden en de vraag ondermijnden. Daarnaast moest de productievoetafdruk worden aangepast aan de vraagvooruitzichten vanwege de tragere groei van de eindmarkt voor waterstof. Tegelijkertijd heeft Bekaert de robuuste vraag vanuit investeringen in elektriciteits- en datatransmissienetwerken vertaald in een stijging van de omzet en het aantal orders. Binnen deze gemengde wereldwijde marktdynamiek bleven de verkoopvolumes gelijk ten opzichte van 2024, terwijl het doorrekenen van lagere inkoopkosten, valuta- en mixeffecten en de strategische terugtrekking uit activiteiten met lagere marges in Latijns-Amerika de omzet deden dalen. Kostenbesparingen en tactische benutting van de productievoetafdruk beperkten in grote mate de impact van de lagere omzet op de EBITu1-marge, die 8,0% bedroeg tegenover 8,8% vorig jaar. De cashgeneratie was zeer sterk, met een vrije kasstroom van € 314 miljoen, ondersteund door een verlaging van het werkkapitaal en kostenbesparingen.
Segmentrapporten
Rubberversterking: stabiele marge in een uitdagende omgeving
Operationele en financiële prestatie
Tegen de achtergrond van zwakkere eindmarkten voor vrachtwagenbanden, met name in Europa, en uitdagingen als gevolg van invoerheffingen en zwakkere valuta's, heeft de divisie ten opzichte van vorig jaar een stabiele marge gerealiseerd. Aanhoudende hoge niveaus van benutting van de productiesites en operationele efficiëntieverbeteringen over de gehele kostenbasis droegen bij aan deze solide prestaties. De divisie rapporteerde stabiele volumes (+0,2%) met een stijging in de tweede helft van het jaar ten opzichte van de eerste helft, ondersteund door sterke activiteitsniveaus in China. De volumes waren lager in Europa en India, terwijl in Noord-Amerika de volumes in de tweede helft van het jaar stegen ten opzichte van vorig jaar, na een zwakke eerste helft waarin de importtarieven de vraag in de regio beïnvloedden. De geconsolideerde omzet aan derden daalde met -5,2% ten gevolge van een aanzienlijk wisselkoerseffect (−2,8%) en het gecombineerde effect van lagere grondstofkosten, regionale mix en product-mix (−2,7%). In een competitieve omgeving realiseerde de divisie een onderliggende EBITu-marge van 8,6%, grotendeels vergelijkbaar met vorig jaar (-10 basispunten), door aanhoudende kostenverbeteringen in productievestigingen en overheadkosten in combinatie met tactisch capaciteitsbeheer. De onderliggende EBITDA-marge bedroeg 13,2% vergeleken met 13,5% vorig jaar en de onderliggende ROCE bedroeg 14,1%. De investeringen in materiële vaste activa (PP&E) bedroegen € 61 miljoen en omvatten groei-investeringen in India. De eenmalige kosten bedroegen € -40 miljoen en hielden voornamelijk verband met herstructureringskosten in China en Europa. De gerapporteerde EBIT bedroeg € 102 miljoen. Na balansdatum heeft Bekaert in januari 2026 aangekondigd dat het een overeenkomst heeft gesloten met Bridgestone voor de overname van twee fabrieken voor de productie van staalkoord voor bandenversterking. Deze consolidatie versterkt de leidende marktpositie van de divisie in de globale markt voor bandenversterking nog verder. Naast de overname werd ook een langetermijnleverings- overeenkomst getekend.
Prestaties joint venture
De joint venture Rubberversterking in Brazilië behaalde in 2025 een omzet van € 148 miljoen, een daling van -14%, ten gevolge van wisselkoerseffecten (-7%) en volume-effecten (-7%) gerelateerd aan de toegenomen import van Aziatische banden. Kostenefficiëntie heeft de impact van lagere volumes gecompenseerd, wat heeft geleid tot een stabiele marge van de joint venture.
Marktperspectieven
De wereldwijde bandenmarkten blijven aan het begin van 2026 gematigd, vooral in Europa en Noord- Amerika. In China is de marktdynamiek robuust, vooral wat betreft banden voor alle elektrische voertuigen (personenauto's, vrachtwagens en bussen). De divisie legt de focus op hoogwaardige bandensegmenten en op het verder optimaliseren van haar kostenbasis en key account management. Met de onlangs aangekondigde overname van twee Bridgestone-staalkoordentiteiten, die naar verwachting in de eerste helft van 2026 zal worden afgerond, en de onlangs vernieuwde langetermijnleverings-
Bekaert Jaarverslag 2025 − 29 −
overeenkomsten, blijft de divisie hoogwaardige bandenversterking aan haar klanten over de hele wereld leveren.
Staaldraadtoepassingen: sterke volumegroei in Noord-Amerika dankzij de vraag van energie- en nutsbedrijven
Operationele en financiële prestatie
De divisie Staaldraadtoepassingen leverde opnieuw een jaar van sterke verkoopprestaties en solide winstgevendheid, ondersteund door aanhoudende groei in de eindmarkten voor energie- en datatransmissie. Na de verkoop van activiteiten in Latijns-Amerika heeft de divisie haar productportfolio verbeterd, waarbij 30% van de omzet nu wordt gegenereerd door het segment energie en nutsvoorzieningen, dat hogere marges kent. Het genereren van kasstroom is ook verbeterd als gevolg van eerdere optimalisatie van de productievoetafdruk en een verlaging van kosten en werkkapitaal. De vergelijkbare omzet steeg met +4,0%, dankzij een volumegroei van +3,1% en een positief gecombineerd effect van lagere grondstofkosten en een verbeterde wereldwijde mix (+0,9%). De groei werd voornamelijk gerealiseerd door de sterke vraag vanuit de energie- en nutssector in Noord-Amerika, waar een volumegroei met dubbele cijfers werd opgetekend. Ook in China steeg het volume dankzij de sterke vraag vanuit de auto-industrie. In Europa stegen de verkoopvolumes licht, maar doordat er meer opleveringen van draad voor de landbouw en de bouw waren en de vraag naar energie en nutsvoorzieningen afnam, daalden de gemiddelde verkoopprijzen. De totale omzet aan derden daalde met -4,7%, voornamelijk door het verkopen van de Latijns-Amerikaanse activiteiten (-6,6%) en wisselkoerseffecten (-2,1%). De strategische transformatie-acties van de divisie rond optimalisatie van de productievoetafdruk, structurele kostenbesparingen en businessselectie hebben de winstgevendheid en cashgeneratie structureel verbeterd. De EBITu-marge bleef met 9,7% zeer sterk en lag slechts iets onder de 10,4% van 2024, als gevolg van een minder gunstige verkoopmix in Europa en een tijdelijke vertraging in het doorrekenen van de stijging van de grondstofprijzen in verband met de importtarieven in Noord-Amerika. De onderliggende EBITDA-marge bedroeg 12,7% (tegenover 13,1% vorig jaar) en de onderliggende ROCE bleef sterk op 27,5%. De investeringen in materiële activa (PP&E) bedroegen € 33 miljoen en omvatten capaciteitsinvesteringen om te voldoen aan de sterke vraag van energie- en nutsbedrijven. Eenmalige kosten bedroegen € -50 miljoen, voornamelijk door een eenmalig effect van € -37 miljoen in verband met de verkoop van activiteiten in Latijns-Amerika, als gevolg van non-cash cumulatieve omrekeningsverschillen door historische valutadevaluaties in Venezuela.
Prestaties joint venture
De joint venture Staaldraadtoepassingen in Brazilië rapporteerde een omzet van € 654 miljoen, een daling van -12% ten opzichte van 2024, onder invloed van aanzienlijke wisselkoerseffecten van -7% en toegenomen concurrentie van importproducten. De joint venture heeft opnieuw een jaar met sterke marges achter de rug.
Marktperspectieven
De orderportefeuilles voor 2026 blijven sterk in de eindmarkt voor energie en nutsvoorzieningen in Europa en Noord-Amerika, hoewel vertragingen bij projecten naar verwachting de omzet in Europa vooral in de eerste helft van 2026 zullen beïnvloeden. De automarkt blijft sterk in China, maar minder in Europa. Over het geheel genomen heeft de divisie aanzienlijke vooruitgang geboekt in de uitvoering van haar transformatiestrategie, met een sterke focus op kosten-, prijs- en portfolio-optimalisatie.
Bridon-Bekaert Ropes Group: staalkabels getroffen door onzekerheid over importtarieven; de subdivisie synthetisch touw haalde twee van zijn grootste contracten ooit binnen
Operationele en financiële prestatie
BBRG boekte € 518 miljoen aan geconsolideerde omzet aan derden, -6,2% ten opzichte van 2024.Ongunstige wisselkoersschommelingen waren goed voor -2,4%, terwijl het effect van overnames (BEXCO) +2,9% toevoegde. De organische groei van -6,7% werd veroorzaakt door lagere volumes (-2,7%) en het gecombineerde effect van het doorrekenen van lagere inkoopkosten en prijs-mix (-4,0%). Bekaert Jaarverslag 2025 − 30 − De volumes werden vooral beïnvloed door de lagere vraag naar staalkabels, vooral in Noord-Amerika door de aanhoudende onzekerheid over importtarieven en in Europa door de lagere mijnbouwactiviteit. De prestaties in de Aziatische en Latijns-Amerikaanse markten waren veerkrachtig. De subdivisie synthetisch touw voltooide de consolidatie van haar productievoetafdruk na de overname van BEXCO vorig jaar. BEXCO en Flintstone haalden in 2025 ook twee van de grootste contracten uit de geschiedenis van de divisie binnen. Bij geavanceerde kabels waren de volumes iets lager, als gevolg van een zwakkere vraag naar hijsinstallaties voor liften in China en Europa in een gematigd bouwklimaat. De groei van de vraag naar kleinere tandriemtoepassingen en naar toepassingen in de auto-industrie heeft de lagere hijsvolumes voor liften gedeeltelijk gecompenseerd. Ondanks lagere volumes, voornamelijk in staalkabels, zorgden kosten- en voetafdrukmaatregelen voor een onderliggende EBIT-marge van 8,7%, iets onder de 9,0% van 2024. De onderliggende EBITDA-marge verbeterde tot 15,2%, een stijging ten opzichte van 15,0% vorig jaar, en de onderliggende ROCE bedroeg 8,3%. De eenmalige kosten van € -14 miljoen hadden voornamelijk betrekking op de herstructurering van de synthetisch touwactiviteiten in Schotland. BBRG investeerde €18 miljoen in PP&E, verspreid over alle vestigingen en regio's.
Marktperspectieven
De gematigde vraag naar staalkabels zal naar verwachting aanhouden in het eerste kwartaal van 2026. De subdivisie synthetisch touw heeft een sterke orderportefeuille voor verankeringsoplossingen in diep water. Voor geavanceerde kabels wordt verwacht dat de vraag stabiel zal blijven, omdat er in dit stadium geen herstel wordt verwacht in de grootste eindmarkt voor liften.
Specialty Businesses:langzamere groeiontwikkelingen leidden tot aanpassingen binnen de business
Operationele en financiële prestatie
Specialty Businesses boekte een geconsolideerde omzet aan derden van € 550 miljoen, een daling van -12,7% ten opzichte van 2024, waarvan -3,0% te wijten was aan ongunstige wisselkoersschommelingen. De omzet in Duurzaam Bouwen werd beïnvloed door een zwak eerste halfjaar van 2025 op de vloerenmarkt in Noord-Amerika als gevolg van onzekerheid over importtarieven en hevige concurrentie op de grotere vloerenmarkt in Europa, waardoor volumes en prijzen werden beïnvloed. De omzet in de meeste andere subsegmenten daalde ten gevolge van zwakkere eindmarkten.
De subdivisie Duurzaam Bouwen rapporteerde een daling van de organische groei met -9,6%. De volumes daalden met -6,8%, voornamelijk in de grotere vloerenactiviteiten met volumedalingen in Europa, Australië en Noord-Amerika, waarbij de laatste regio in de eerste helft van 2025 werd beïnvloed door lage investeringen als gevolg van onzekerheden rond tarieven. De volumes herstelden zich in Noord-Amerika in de tweede helft van 2025 met vloerprojecten die weer aantrokken, vooral vanuit datacenters. Groei van de vloerenmarkt in het Midden-Oosten en India, waar de toepassing van staalvezelversterkt beton (Dramix®) toeneemt, heeft de wereldwijde volumedaling gedeeltelijk gecompenseerd. De volumes voor tunnelbouw en mijnbouw waren jaar-op-jaar stabiel en de renovatievolumes voor de kleinere eindmarkten voor pleisterwerk en metselwerkbewapening stegen dankzij de opstart van een tweede productielijn in Slowakije.
De marktomstandigheden vertoonden een andere dynamiek in de overige subsegmenten. In slangendraad en transportbanden stegen de volumes in de tweede helft van 2025 dankzij nieuwe projecten en een hogere omzet van slangenversterking in India, waar Bekaert zijn lokale productiecapaciteit benut. Verbrandingstechnologieën boekte een vlakke jaar-op-jaar omzet, met een stijgende vraag in Noord- Amerika en Azië, wat tenietgedaan werd door een lagere vraag in Europa, waar de regelgeving voor meer onzekerheid zorgt. De leveringen aan de filtratie- en vezel- eindmarkten zijn verzwakt in 2025 en de omzet van ultrafijne draden is gedaald ten opzichte van vorig jaar als gevolg van een technologische verschuiving in zonne-energietoepassingen. In het subsegment Waterstof ontwikkelen de markten zich veel langzamer als gevolg van vertragingen in de implementatie van regelgeving rond waterstof in Europa en de VS. Bekaert heeft zijn waterstofactiviteiten geconsolideerd in één entiteit als gevolg van verslechterde marktomstandigheden en zwakkere klantprognoses, wat leidde tot een eenmalige bijzondere waardevermindering van € -55 miljoen. De andere subsegmenten hebben ook maatregelen genomen om de kosten te verlagen en hun productievoetafdruk te optimaliseren om de impact van de ongunstige omstandigheden in 2025 gedeeltelijk te verminderen.
Desondanks daalde de onderliggende EBIT-marge naar 8,4% ten opzichte van 13,8% vorig jaar. De onderliggende EBITDA-marge bereikte 13% en de onderliggende ROCE bedroeg 12,9%. Inclusief totale eenmalige afwaardering (€ -61 miljoen) was de Bekaert Jaarverslag 2025 − 31 − gerapporteerde EBIT negatief met € -15 miljoen. De investeringen in materiële activa (PP&E) bedroegen € 24 miljoen en hadden deels betrekking op extra productieapparatuur voor renovatietoepassingen in Duurzaam Bouwen.
Marktperspectieven
In Duurzaam Bouwen zullen de vloerenactiviteiten in Noord-Amerika naar verwachting normaliseren na een zwak 2025 en zal de groei in India en het Midden-Oosten aanhouden. In Europa zijn er nog geen tekenen dat de vloerenactiviteit in 2026 zal toenemen. In de kleinere subsegmenten infrastructuur en tunnelbouw wijzen de binnengehaalde projecten op groei in 2026, terwijl de uitgefaseerde start-ups een vertragend effect kunnen hebben op de opleveringen. De waterstofmarkt zal naar verwachting traag blijven als gevolg van uitstel in de implementatie van regelgeving. Bekaert zal zijn leidende positie opnieuw kunnen benutten zodra de regelgeving en overheidsstimuli meer duidelijkheid bieden. De meeste andere eindmarkten blijven gematigd en onzeker.
Financieel overzicht
Omzet
Bekaert realiseerde een geconsolideerde omzet van € 3 706 miljoen in 2025, een daling met -6,4% tegenover vorig jaar. Op vergelijkbare basis waren de volumes grotendeels stabiel (+0,3%) en bedroeg het gecombineerde effect van het doorrekenen van lagere inkoopkosten en de prijs-mix -2,7%. De wisselkoerseffecten bedroegen -2,6%, voornamelijk door de depreciatie van de Amerikaanse en Chinese valuta. De impact van de portfolioveranderingen bedroeg -1,4% en had te maken met de verkoop van de activiteiten van Staaldraadtoepassingen (SWS) in Costa Rica, Ecuador en Venezuela, die op 30 juni 2025 werd afgerond, met de stopzetting van de productie bij SWS in Indonesië en India en met de overname van BEXCO. De omzet van Bekaerts joint ventures in Brazilië bedroeg € 802 miljoen, ofwel -12,2% tegenover vorig jaar. Het wisselkoerseffect in de joint ventures bedroeg -7,3% en de organische omzet daalde met -4,9% gerelateerd aan een daling van de volumes door toegenomen import.
Winst
De onderliggende brutowinst van de Groep daalde met € -92 miljoen tot € 592 miljoen, wat een impact had op de brutowinstmarge, die 16,0% bedroeg tegenover 17,3% in 2024. De zwakkere vraag in de eindmarkten bouw en energietransitie had een grotere impact op de brutowinstmarge dan de extra verkochte volumes in staaldraadtoepassingen en regionale mix had een bijkomende ongunstige impact. De Groep heeft het effect op de brutowinstmarge beperkt door structurele proactieve kostenbesparingen in productievestigingen in combinatie met een betere benutting van de bandenversterkingsfabrieken in China. De onderliggende overheadkosten daalden met € ‑49 miljoen ten opzichte van 2024 tot € 305 miljoen door kostenbesparingen in alle categorieën. Als percentage op de omzet bedroegen de overheadkosten 8,2% (tegenover 8,9% in 2024). De andere bedrijfsopbrengsten en -kosten bedroegen € +9 miljoen tegenover € +18 miljoen in 2024, toen de andere bedrijfsopbrengsten aanzienlijke winsten uit de verkoop van grond en gebouwen omvatten.
Bekaert behaalde een bedrijfsresultaat (onderliggende EBIT) van € 297 miljoen (€ 348 miljoen vorig jaar). Dit resulteerde in een EBITu-marge op een omzet van 8,0% (versus 8,8% in 2024). De daling in absolute bedragen heeft te maken met het effect van desinvesteringen (€ -4 miljoen) en wisselkoersen (€ -13 miljoen), evenals volume (€ -18 miljoen) en prijs-mixeffecten (€ -79 miljoen) die gedeeltelijk werden gecompenseerd door winstgevendheidstoenames in productie-eenheden (€ +39 miljoen) en overheadkosten (€ +40 miljoen). De overige effecten bedroegen € ‑17 miljoen en waren gerelateerd aan lagere andere bedrijfsopbrengsten en afschrijvingen.
De eenmalige kosten voor herstructurering en bijzondere waardeverminderingen bedroegen € ‑162 miljoen (tegenover € ‑52 miljoen in 2024), omdat de Groep haar productievoetafdruk en kostenbasis aan de marktvraag aanpaste. In Specialty Business bedroegen de eenmalige kosten € -61 miljoen, waarvan € -55 miljoen betrekking had op Waterstof, omdat de eindmarkt verslechterde en de productie werd geconsolideerd in China. Bij Staaldraadtoepassingen bedroegen de eenmalige kosten € -50 miljoen, waarvan € -37 miljoen gerelateerd was aan de verkoop van de activiteiten voor Staaldraadtoepassingen in Costa Rica, Ecuador en Venezuela (bestaande uit een winst van € +20 miljoen op de verkoop en een non-cash gecumuleerd omrekeningsverschil van € -57 miljoen wegens historische devaluaties in Venezuela). De eenmalige kosten in Rubberversterking bedroegen € -40 miljoen en hadden voornamelijk betrekking op herstructureringen in China en Europa.Bij Bridon-Bekaert Ropes Group waren de eenmalige kosten van € -14 miljoen voornamelijk toe te schrijven aan kosten voor de consolidatie van de productie van synthetisch touw naar België. Inclusief eenmalige kosten bedroeg de gerapporteerde EBIT € 135 miljoen, met een gerapporteerde EBIT- marge op omzet van 3,6% (tegenover € 296 miljoen of 7,5% in 2024). De onderliggende EBITDA bedroeg € 469 miljoen (12,7% marge) tegenover € 520 miljoen (13,1%) en de gerapporteerde EBITDA bereikte € 406 miljoen, ofwel een marge op omzet van 10,9% (tegenover 11,6%). De renteopbrengsten en -lasten waren vrijwel stabiel op € -21 miljoen (ten opzichte van € -20 miljoen in 2024), waarbij de lagere rentelasten als gevolg van een afname van het brutoschuldniveau tenietgedaan werden door lagere renteopbrengsten. De overige financiële opbrengsten en lasten bedroegen € ‑28 miljoen (tegenover € ‑19 miljoen in 2024), ten gevolge van een lagere reële waarde van de Virtual Power Purchase Agreements (VPPA’s). De inkomstenbelastingen daalden naar € ‑59 miljoen (tegenover € ‑63 miljoen in 2024). De algemene effectieve belastingvoet bedroeg 69%. Na correctie voor eenmalige kosten waarvan de fiscale impact naar verwachting immaterieel zal zijn, bedraagt de genormaliseerde effectieve belastingvoet ongeveer 24%. Het aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen bedroeg € +38 miljoen (tegenover € +49 miljoen in 2024). Hoewel de omzet in de joint ventures in Brazilië voor Staaldraadtoepassingen en Rubberversterking lager lag door meer import in het land, lag het onderliggende margepercentage dicht bij dat van vorig jaar. Het resultaat voor de periode bedroeg bijgevolg in totaal € +65 miljoen, vergeleken met € +244 miljoen in 2024 vanwege de hogere eenmalige kosten voor herstructurering en bijzondere waardeverminderingen. Het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen van derden was € -3 miljoen (€ +5 miljoen in 2024). Na minderheidsbelangen bedroeg het perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert € 67 miljoen. De winst per aandeel bedroeg € +1,33 tegenover €+4,55 vorig jaar. De winst per aandeel op onderliggende basis daalde van € +5,55 vorig jaar naar € +4,52 in 2025, als gevolg van een lagere onderliggende EBIT, een lagere bijdrage van het aandeel in het resultaat van de joint ventures en hogere overige financiële lasten.
Kasstroomoverzicht
De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten steeg met 20% tot € +450 miljoen vergeleken met € +374 miljoen in 2024, vanwege het aanzienlijk lagere werkkapitaal. De vrije kasstroom (FCF) steeg fors met +63% tot € 314 miljoen, tegenover € 193 miljoen vorig jaar, ten gevolge van een lager werkkapitaal in combinatie met lagere kapitaaluitgaven. De kasstromen uit investeringsactiviteiten bedroegen € -79 miljoen (tegenover € -200 miljoen in 2024). De kasuitstroom voor materiële en immateriële vaste activa was € -52 miljoen lager dan vorig jaar, terwijl er een nettokasinstroom was uit de verkoop van de fabrieken voor Staaldraadtoepassingen in Latijns- Amerika in 2025 (€ +28 miljoen in 2025) tegenover een kasuitstroom vorig jaar in verband met de overname van BEXCO (€ -39 miljoen in 2024). De kasstromen uit financieringsactiviteiten bedroegen € -316 miljoen, vergeleken met € -307 miljoen vorig jaar. De kasuitstroom voor het inkopen van eigen aandelen was hoger in 2025, terwijl schuldbewegingen dit effect deels compenseerden.
Balans
Het werkkapitaal daalde sterk van € 653 miljoen vorig jaar naar € 524 miljoen eind 2025. Dit was het resultaat van een gedisciplineerde focus en acties om achterstallige vorderingen te verminderen en voorraadniveaus te optimaliseren. Zowel de voorraden als de uitstaande klantenvorderingen namen af, wat gedeeltelijk werd gecompenseerd door een daling van de uitstaande leveranciersbetalingen. De organische daling van het werkkapitaal bedroeg € -70 miljoen en de impact van valuta's (€ -40 miljoen) en de verkoop van de Staaldraadtoepassingen-fabrieken in Latijns-Amerika (€ -15 miljoen) droegen verder bij aan het lagere eindsaldo. Factoring buiten balans daalde van € 221 miljoen in 2024 naar € 210 miljoen in 2025. Het werkkapitaal op de omzet verbeterde aanzienlijk en bedroeg 15,0% tegenover 17,3% in 2024. De brutoschuld daalde met € -86 miljoen ten opzichte van 2024, door de terugbetaling van een deel van de Schuldschein-leningen (€ -111 miljoen). Geldmiddelen en kasequivalenten bedroegen € 527 miljoen aan het einde van de periode, een stijging van € +23 miljoen vergeleken met € 504 miljoen bij jaareinde 2024.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 33 −
Dit resulteerde in een nettoschuld van € 180 miljoen, een daling van € -103 miljoen ten opzichte van € 283 miljoen vorig jaar, en een verdere verlaging van de verhouding tussen de nettoschuld en de onderliggende EBITDA van 0,54x eind 2024 naar 0,38x nu.
Engagement om waarde uit te keren aan aandeelhouders
De Raad van Bestuur zet zich in voor een strategisch kapitaalallocatiebeleid, waarbij een evenwicht wordt nagestreefd tussen investeringen in toekomstige groei en innovatie, met behoud van een sterke balans en een progressief stijgend aandeelhoudersrendement doorheen de tijd. Ondersteund door een sterke kasstroom kondigt de groep vandaag een bruto dividend aan van € 1,95 per aandeel (een stijging van 3% ten opzichte van vorig jaar), dat door de Raad van Bestuur zal worden voorgesteld aan de jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders in mei 2026. Naast dit dividend is de groep van plan om door te gaan met het tweejarige aandeleninkoopprogramma van maximaal € 200 miljoen dat in november 2024 werd aangekondigd.
Operationele en strategische hoofdpunten
- Rubberversterking (RR)
- Sterke volumegroei in China compenseert lagere vraag in Europa
- Aanhoudende winstgevendheid met verbeteringen in efficiëntie die prijs- en mixeffecten compenseren
- Staaldraadtoepassingen (SWS)
- Sterke volumegroei in de eindmarkten voor energie en nutsvoorzieningen, met name in Noord- Amerika
- Ongunstige mix in Europa grotendeels gecompenseerd door kostenbesparingen
- BBRG
- Grote contracten binnengehaald voor synthetisch touw
- Zwakkere eindmarkten voor staalkabels in Europa en Noord-Amerika
- Specialty Businesses
- Duurzaam Bouwen: groei in India en het Midden-Oosten en herstel in Noord-Amerika in de tweede helft van 2025 compenseerden gedeeltelijk de uitdagende markt in Europa en een zwakke vloerenmarkt in Noord-Amerika in de eerste helft van 2025
- Tragere groei in de eindmarkten voor de energietransitie vereiste aanpassingen in de business
- Proactieve acties in 2025 om de portefeuille te optimaliseren en de productievoetafdruk aan te passen aan de marktvooruitzichten
- Herpositionering van Staaldraadtoepassingen in markten met hogere marges door het verkopen van gecommoditiseerde Latijns-Amerikaanse activiteiten (€ -37 miljoen eenmalige kosten)
- Tijdelijke opschorting van de waterstofproductieactiviteiten in België en consolidatie in één entiteit om zich aan te passen aan de vertraagde markt, met behoud van flexibiliteit om op te schalen wanneer de vraag verbetert (€ -55 miljoen eenmalige kosten)
- Consolidatie van de productie van synthetisch touw naar België (€ -14 miljoen eenmalige kosten in BBRG)
- Herstructurering van de productievoetafdruk in de bandenversterkingsactiviteiten (€ −40 miljoen eenmalige kosten in RR)
- Focus op operationele verbeteringen en kostenbesparingen in alle divisies en functies
- De inspanningen van Bekaert op het gebied van duurzaamheid werden door CDP beloond met een ‘A’- score voor Klimaatverandering in 2025, wat ons leiderschap op het gebied van milieutransparantie en ons streven naar het creëren van waarde door middel van duurzaamheid benadrukt
Vooruitzichten
Verwacht wordt dat het herstel van de vraag naar Duurzaam Bouwen in 2026 zal aanhouden, vooral in Noord-Amerika. Er wordt ook groei verwacht in de eindmarkten voor energie en nutsvoorzieningen, ondersteund door recent binnengehaalde contracten en een hoger orderboek. De businessomgeving in de grotere en meer volwassen markten van bandenversterking, staalkabels en niet-transmissiedraden blijft uitdagend door geopolitieke onzekerheid en concurrentiedruk. Daarom verwacht de groep dat de omzet en marges op vergelijkbare basis op hetzelfde niveau zullen blijven als in 2025.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 34 −
Samenvatting financiële resultaten
| Onderliggend | Gerapporteerd | |
|---|---|---|
| in miljoen € | 2024 | H1 2024 |
| Geconsolideerde omzet | 3 958 | 2 060 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 348 | 204 |
| EBIT-marge op omzet | 8,8% | 9,9% |
| Afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen | 172 | 84 |
| EBITDA | 520 | 288 |
| EBITDA-marge op omzet | 13,1% | 14,0% |
| ROCE | 15,9% | 14,1% |
De geconsolideerde jaarrekening overzichten zijn opgenomen in Deel II van dit rapport.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 35 −
Ons leiderschap
Raad van Bestuur
De voornaamste taken van de Raad van Bestuur zijn het bepalen van de strategie en het algemeen beleid van de Groep en het opvolgen van de activiteiten van Bekaert. Dit omvat de duurzaamheids- strategie van de Groep en het toezicht op de vooruitgang ervan. De Raad van Bestuur is het hoogste beslissingsorgaan van de onderneming. Enkel aangelegenheden die door de wet of de statuten zijn voorbehouden aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders vallen niet onder zijn bevoegdheid. De Raad van Bestuur telt momenteel elf leden. Hun professioneel profiel omvat verschillende vakgebieden, zoals rechten, business, industriële activiteiten, finance and investment banking, HR, consultancy, ESG, innovatie en compliance. Alle informatie over de Raad van Bestuur (nominatie en selectie, comités, remuneratie) is beschikbaar in Deel II: Corporate Governance Verklaring van dit verslag.# Samenstelling van de Raad van Bestuur
Jürgen Tinggren, Voorzitter¹
Yves Kerstens, Gedelegeerd Bestuurder
Nicolas D'heygere
Henriette Fenger Ellekrog¹
Toralf Haag¹
Christophe Jacobs van Merlen
Maxime Parmentier
Eriikka Söderström¹
Caroline Storme
Emilie van de Walle de Ghelcke
Henri Jean Velge
¹ Onafhankelijke Bestuurders
Wijzigingen in 2025
De onafhankelijke Bestuurders Henriette Fenger Ellekrog en Eriikka Söderström werden herbenoemd voor een termijn van vier jaar, op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité. Daarnaast werd Nicolas D'heygere benoemd tot Bestuurder voor een termijn van één jaar en Toralf Haag tot Onafhankelijk Bestuurder voor een termijn van één jaar. Als gevolg van deze wijzigingen steeg het aantal Bestuurders van negen naar elf in 2025.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 36 −
Jürgen Tinggren
Voorzitter van de Raad van Bestuur
Onafhankelijke Bestuurder
Nationaliteit: Zweeds
Geboortejaar: 1958
Eerste benoeming: Mei 2019
Opleiding: Gezamenlijke MBA van de Stockholm School of Economics en de New York University Leonard N Stern School of Business
Ervaring: Jürgen Tinggren begon zijn carrière in 1981 als Senior Associate bij Booz Allen & Hamilton. Hij voegde zich bij Sika AG in 1985 waar hij verschillende management- en directierollen opnam met toenemende scope en verantwoordelijkheid. In 1997 trad hij toe tot het Executive Committee van Schindler Holding AG, aanvankelijk met verantwoordelijkheid voor de Europese regio, daarna voor de regio Azië-Pacific en later voor Technology and Procurement. In 2007 werd hij benoemd tot CEO en Voorzitter van het Group Executive Committee van Schindler. Jürgen Tinggren trad eind 2013 af als CEO van Schindler en bleef van 2014 tot 2016 aan het bedrijf verbonden als lid van de Raad van Bestuur.
Andere mandaten: Bestuurder bij Johnson Controls, Inc.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2027
Comités: Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité, Lid van het Audit, Risk en Finance Comité
Yves Kerstens
Chief Executive Officer
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1966
Eerste benoeming: September 2023
Opleiding: MSc in Engineering - Industrieel Management aan de Katholieke Universiteit Leuven. INSEAD - Certified International Director
Ervaring: Yves Kerstens begon zijn carrière in supply chain management voor de productie-industrie alvorens bij Ernst & Young (1996) en later Capgemini (2001) adviseur te worden voor de handels- en industriesector. In 2005 voegde hij zich bij Bridgestone Corporation waar hij verschillende directiefuncties opnam met toenemende scope en verantwoordelijkheid in EMEA en Pacifisch Azië, alsook globale corporate governance-rollen zoals Vice President & Senior Officer van Bridgestone Corporation en Voorzitter van het comité voor globale digitale oplossingen en supply chain. In 2018 ging Yves naar Axalta Coating Systems waar zijn meest recente functie Vice President Axalta en President EMEA was. Yves Kerstens voegde zich bij Bekaert op 1 april 2021 als divisie- CEO Specialty Businesses en COO. Hij werd CEO van Bekaert op 1 september 2023.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2028
Bekaert Jaarverslag 2025 − 37 −
Nicolas D'heygere
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1985
Eerste benoeming: Mei 2025
Opleiding: MSc in Commercial Engineering aan de Katholieke Universiteit Leuven. MBA aan INSEAD (Singapore en Frankrijk)
Ervaring: Nicolas D'heygere begon zijn carrière in 2008 bij McKinsey & Company. In 2010 verhuisde hij naar China om te werken als Business Development Manager voor Vandemoortele Group en als General Manager van PR Interiors. In 2013 verhuisde hij terug naar België om aan de slag te gaan bij Waterland Private Equity Investments, waar hij in 2023 Managing Partner werd. Hij heeft verschillende functies bekleed bij Waterland met de nadruk op portefeuillebeheer en fusies en overnames.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2026
Henriette Fenger Ellekrog
Onafhankelijke Bestuurder
Nationaliteit: Deense
Geboortejaar: 1966
Eerste benoeming: Mei 2020
Opleiding: Master aan de Copenhagen Business School
Ervaring: Henriette Fenger Ellekrog begon haar carrière bij Peptech A/S waar ze Directeur Administratie en Personeel werd. In 1995 nam ze consultancy- en managementfuncties op bij Mercuri Urval A/S. Vanaf 1998 zette ze haar carrière verder bij TDC met verschillende HR-directierollen alvorens in 2007 bij SAS AB als Executive VP HR aangesteld te worden. Van 2014 tot 2019 werkte ze als ze CHRO bij Danske Bank A/S. Sinds 2019 is ze lid van de Raad van Bestuur van Ørsted A/S waar ze de functie bekleedt van Executive Vice President, Chief Human Resources Officer.
Andere mandaten: Lid van de Raad van Bestuur en voorzitter van het Remuneratiecomité van SAS AB
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2029
Comités: Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité
Bekaert Jaarverslag 2025 − 38 −
Toralf Haag
Onafhankelijke Bestuurder
Nationaliteit: Duits
Geboortejaar: 1966
Eerste benoeming: Mei 2025
Opleiding: MBA aan de universiteit van Augsburg. Doctoraat in bedrijfskunde aan de universiteit van Kiel
Ervaring: Dr. Toralf Haag begon zijn carrière in 1994 bij Thyssen Handelsunion AG in Düsseldorf. In 1997 werd hij directeur Corporate Finance and Development bij ThyssenKrupp Budd Company in Detroit, waar hij in 2000 werd benoemd tot CEO van de Stamping & Frame Division. Van 2002 tot 2005 was hij CFO van Norddeutsche Affinerie AG (nu Aurubis AG) in Hamburg, totdat hij in 2005 werd benoemd tot CFO en lid van de Raad van Bestuur van Lonza Group AG. In 2016 werd hij CFO van Voith Group en in 2018 werd hij benoemd tot President en CEO van Voith Group. In 2024 werd hij benoemd tot Chief Executive Officer van Aurubis AG.
Andere mandaten: Lid van de Raad van Commissarissen van Qiagen N.V.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2026
Comités: Lid van het Audit, Risk en Finance Comité
Christophe Jacobs van Merlen
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1978
Eerste benoeming: Mei 2016
Opleiding: Master in Civil Engineering aan de Vrije Universiteit Brussel. Ecole Centrale Lille (Ingénieur Généraliste)
Ervaring: Voorheen was Christophe Jacobs van Merlen consultant bij Bain & Company in Brussel, Amsterdam en Boston, waar hij instond voor strategische en operationele adviesverlening aan klanten actief in private equity, businessdiensten, industrie en financiële dienstverlening. In 2004 voegde hij zich bij Bain Capital Europe, LLP (Londen), waar hij momenteel Managing Director is bij Bain Capital Europe en lid van het leiderschapsteam en van verschillende raad-, audit-, operationele en M&A-comités.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2028
Comités: Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité
Bekaert Jaarverslag 2025 − 39 −
Maxime Parmentier
Hoofdbestuurder Bekaert Digitalisering en Cyberbeveiligingsaangelegendheden
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1982
Eerste benoeming: Mei 2022
Opleiding: MSc in Management aan de Université Catholique de Louvain MSc in International Management aan de Esade-CEMS Business School in Barcelona Master in International Economic Policy aan de Columbia University in New York
Ervaring: Maxime Parmentier begon zijn carrière bij McKinsey & Company in 2008 als consultant voor internationale advies- en strategische projecten in Europa, de VS, het Midden-Oosten en Afrika. In 2012 voegde hij zich bij Riaktr als Project Manager. In 2013 stapte hij over naar The Global Fund to fight AIDS, tuberculosis and malaria, een van de grootste wereldwijde gezondheidsorganisaties. Hij werd benoemd tot stafchef van de CFO, werd vervolgens Head of Sourcing Strategy and Supply Chain en vervolgens oprichter en CEO van Wambo, 's werelds grootste wereldwijde e-marktplaats voor gezondheidszorg. Maxime Parmentier richtte in 2017 Birdie Care Services Ltd op, een Londense scale-up in de gezondheidszorgtechnologie gericht op het verbeteren van de levenscondities en zorg voor ouderen. Hij is de CEO van het bedrijf.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2027
Eriikka Söderström
Onafhankelijke Bestuurder
Voorzitter van het Audit, Risk en Finance Comité
Nationaliteit: Finse
Geboortejaar: 1968
Eerste benoeming: Mei 2020
Opleiding: MSc in Economics aan de universiteit van Vaasa
Ervaring: Eriikka Söderström begon haar carrière bij Nokia waar ze 14 jaar verschillende financiële rollen bekleedde binnen Nokia Networks. Haar laatste posities daar waren interim-CFO van Nokia Networks en Corporate Controller van Nokia Siemens Networks. Ze heeft gewerkt als CFO bij Nautor, Vacon, Kone en F-Secure. Ze heeft uitgebreide ervaring als lid van de Raad van Bestuur en Voorzitter van het Auditcomité bij Valmet (2017-2024) en Comptel (2012-2017).
Andere mandaten: Lid van de Raad van Bestuur en Voorzitter van het Auditcomité van Kempower, lid van de Raad van Bestuur en Voorzitter van het Auditcomité van Amadeus IT Group, en lid van de Raad van Bestuur van Metso.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2029
Comités: Voorzitter van het Audit, Risk en Finance Comité
Bekaert Jaarverslag 2025 − 40 −
Caroline Storme
Nationaliteit: Belgische
Geboortejaar: 1977
Eerste benoeming: Mei 2019
Opleiding: MSc in Business Engineering aan de Solvay Brussels School. MBA aan INSEAD (Frankrijk en Singapore)
Ervaring: Caroline Storme startte haar carrière bij Deloitte Consulting België in 2000. Van 2004-2006 werkte ze bij Bekaert als financieel controller voor ze verhuisde naar Amtech, IGW in Suzhou, China, waar ze benoemd werd tot CFO. Caroline Storme voegde zich bij UCB in 2012, eerst in controlefuncties voor ze werd aangesteld als hoofd van de Aziatische global business services in Shanghai, China. Sinds 2017 heeft ze verschillende financiële R&D- functies bekleed op de hoofdzetel van UCB in Brussel, België. Caroline Storme bekleedt momenteel de functie van R&D Finance Lead Neurology bij UCB in België.Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2027
Comités: Lid van het Audit, Risk en Finance Comité
Storme Emilie
Nationaliteit: Belgische
Geboortejaar: 1981
Eerste benoeming: Mei 2016
Opleiding: Master in de Rechten aan de UCLouvain. Master in de Rechten - Economisch Recht aan de Vrije Universiteit Brussel. LLM in Corporate Law aan de London School of Economics
Ervaring: Emilie van de Walle de Ghelcke werkt als Head of Legal bij Sofina, een op Euronext Brussels beursgenoteerde investeringsvennootschap onder familiaal beheer. Ze houdt zich voornamelijk bezig met fusies en overnames, corporate governance, kwesties met betrekking tot beursgenoteerde ondernemingen, compliance, juridische zaken, duurzaamheid en portefeuillebeheer. Voordat Emilie bij Sofina aan de slag ging, maakte ze deel uit van de corporate and finance-praktijk bij Freshfields Bruckhaus Deringer, waar ze Belgische en internationale klanten adviseerde over publieke en private M&A-transacties, bedrijfsherstructureringen, joint ventures, governance-kaders en financieel recht.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2028
Hoofdbestuurder Bekaert ESG-aangelegenheden
van de Walle de Ghelcke
Bekaert Jaarverslag 2025 − 41 −
Henri Jean Velge
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1956
Eerste benoeming: Mei 2016
Opleiding: Afgestudeerd als ingenieur elektromechanica aan de Katholieke Universiteit Leuven. MBA aan IMD
Ervaring: Henri Jean Velge begon zijn carrière in 1981 bij Shell (Nederland) als well-site petroleumingenieur. Hij verhuisde in 1982 naar Brunei als Operations Manager en verliet Shell in 1985 om een MBA-diploma te behalen. In 1987 voegde Henri Jean Velge zich bij Bekaert als Executive Director van Industrias Chilenas de Alambre (Chili). In 1991 verhuisde hij naar de VS en werd in 1994 Corporate Vice President Wire Americas. In 2001 werd hij benoemd tot Executive Vice President en werd lid van het Bekaert Group Executive met verantwoordelijkheid voor de wereldwijde draadactiviteiten. Van 2009 tot 2012 was hij ook verantwoordelijk voor Specialty Businesses en van 2013 tot medio 2014 was hij ook verantwoordelijk voor Rubberversterking.
Andere mandaten: Voorzitter van Stichting Administratiekantoor Bekaert dat de belangen van Bekaerts referentie-aandeelhouder behartigt.
Benoemd tot: Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2028
Comités: Lid van het Audit, Risk en Finance Comité
Van links naar rechts: Henriette Fenger Ellekorg, Emilie van de Walle de Ghelcke, Toralf Haag, Jürgen Tinggren, Maxime Parmentier, Yves Kerstens, Christophe Jacobs van Merlen, Henri Jean Velge, Nicolas D'heygere en Caroline Storme. Toegevoegde foto : Eriikka Söderström.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 42 −
Uitvoerend Management
Bekaerts organisatiestructuur bestaat uit vier divisies en globale functionele domeinen. Het Uitvoerend Management, geleid door Yves Kerstens, Gedelegeerd Bestuurder, richt zich op waardegroei en prestaties op een hoger niveau en handelt onder toezicht van de Raad van Bestuur.
Organisatiestructuur
De samenstelling van het Bekaert Group Executive weerspiegelt de organisatiestructuur met vier divisies en vijf globale functionele domeinen. In 2025 werden de divisies en globale functies door de volgende Executives geleid.
Divisies
* De divisie Rubberversterking (ten dienste van de bandenindustrie die staalkoord en hieldraad gebruikt) wordt geleid door Curd Vandekerckhove, CEO Rubberversterking
* De divisie Staaldraadtoepassingen (die energie- en nutsbedrijven, de industriële, landbouw-, consumenten- en bouwmarkten bedient met een breed assortiment staaldraadproducten en -oplossingen) wordt geleid door François Desné, Divisie-CEO staaldraadtoepassingen.
* De divisie Specialty Businesses heeft verschillende subsegmenten. Het subsegment Duurzaam Bouwen wordt geleid door Eric Peeters, Divisie-CEO Duurzaam Bouwen. De andere subsegmenten (waaronder vezeltechnologieën, verbrandingstechnologie en slangendraadversterking) worden geleid door Yves Kerstens, Gedelegeerd Bestuurder.
* De divisie Bridon-Bekaert Ropes Group (waaronder de businesses staalkabels, synthetische touwen en hoogperformante kabels) wordt geleid door François Desné, Divisie-CEO Bridon-Bekaert Ropes Group.
De divisies dragen globale P&L- verantwoordelijkheid voor strategie en oplevering binnen hun bevoegdheden en beschikken over toegewezen productiefaciliteiten en commerciële en technologieteams binnen hun respectievelijke organisaties. Dit helpt hen een aanpak te ontwikkelen waarin de klant centraal staat en die afgestemd is op de specifieke noden en dynamieken in hun markten.
Globale functies
* Seppo Parvi, Chief Financial Officer
* Kerstin Artenberg, Chief Human Resources Officer
* Barry Snyder, Chief Operating Officer
* Gunter Van Craen, Chief Digital and Information Officer
De functies vervullen de rol van strategische zakenpartners, verantwoordelijk voor het aanleveren van specifieke expertise en diensten doorheen de Groep, zodat de business kan rekenen op de juiste deskundigheid om de korte- en langetermijn-doelstellingen waar te maken.
Wijzigingen in 2025
Op 1 oktober 2025 werd Curd Vandekerckhove aangesteld als CEO Rubberversterking. Annie Xu- Huhmann, voorheen Divisie-CEO Rubberversterking, heeft de rol van President van Rubberversterking op zich genomen. Juan Carlos Alonso, Chief Strategy Officer, heeft Bekaert eind maart 2025 verlaten.
Wijzigingen in 2026
Kerstin Artenberg, Chief Human Resources Officer, heeft Bekaert eind februari 2026 verlaten. Anthony Huyghebaert voegde zich bij Bekaert op 4 februari 2026 als interim Chief Human Resources Officer.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 43 −
Yves Kerstens
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1966
Start loopbaan Bekaert: 2021
Opleiding: MSc in Engineering - Industrieel Management aan de Katholieke Universiteit Leuven. INSEAD - Certified International Director
Ervaring: Yves Kerstens begon zijn carrière in supply chain management voor de productie-industrie alvorens bij Ernst & Young (1996) en later Capgemini (2001) adviseur te worden voor de handels- en industriesector. In 2005 voegde hij zich bij Bridgestone Corporation waar hij verschillende directiefuncties opnam met toenemende scope en verantwoordelijkheid in EMEA en Pacifisch Azië, alsook globale corporate governance-rollen zoals Vice President & Senior Officer van Bridgestone Corporation en Voorzitter van het comité voor globale digitale oplossingen en supply chain. In 2018 ging Yves naar Axalta Coating Systems waar zijn meest recente functie Vice President Axalta en President EMEA was. Yves Kerstens voegde zich bij Bekaert op 1 april 2021 als divisie- CEO Specialty Businesses en COO. Hij werd CEO van Bekaert op 1 september 2023.
Chief Executive Officer
Seppo Parvi
Nationaliteit: Fins
Geboortejaar: 1964
Start loopbaan Bekaert: 2024
Opleiding: Master of Science in Economics - University of Vaasa
Ervaring: Seppo begon zijn financiële carrière bij Ahlstrom Corporation in 1989 in thesaurie. Na een overstap naar Huhtamaki (1993-2006), waar hij aanvankelijk werkte in financiële en sourcingfuncties in Finland, Polen en Turkije, en later als VP Operations en General Manager. In 2006 trad hij toe tot de Raad van Bestuur van Metsa als CFO. In 2009 keerde hij terug naar Ahlstrom. De volgende vijf jaar breidde Seppo zijn beroepservaring uit en werd hij lid van het uitvoerend managementteam van Ahlstrom, waar hij de functies van Group CFO en divisiemanager bekleedde. In 2014 trad hij in dienst bij Stora Enso waar hij CFO, plaatsvervanger van de CEO en countrymanager was voor hun activiteiten in Finland. Seppo Parvi voegde zich bij Bekaert op 1 november 2024 als Chief Financial Officer.
Chief Financial Officer
Bekaert Jaarverslag 2025 − 44 −
Kerstin Artenberg
Nationaliteit: Duitse
Geboortejaar: 1972
Start loopbaan Bekaert: 2021
Opleiding: Oost-Aziatische Economie - Strategisch HR- management /University of Duisburg-Essen / University of Applied Sciences of Zürich
Ervaring: Kerstin Artenberg startte haar carrière in communicatie- en marketingrollen met verschillende leidinggevende posities bij Körber AG en Daimler AG. In 2007 verhuisde Kerstin naar Borealis in Oostenrijk als External Communications Manager en werd daarna Director Communications. Vanaf 2010 breidde ze geleidelijk haar verantwoordelijkheden in HR uit en in 2016 nam ze de rol van Vice President Human Resources & Communications op. In 2020 voegde ze zich bij het nieuw opgerichte Executive Committee . Doorheen haar carrière heeft Kerstin culturele transformaties gestimuleerd met een focus op het ontwikkelen van organisaties die zin en diepgaande ontwikkelingsmogelijkheden bieden aan hun medewerkers.
Opmerking: Kerstin Artenberg, Chief Human Resources Officer, heeft Bekaert eind februari 2026 verlaten.
Chief Human Resources Officer
François Desné
Nationaliteit: Frans, Belgisch
Geboortejaar: 1971
Start loopbaan Bekaert: 2022
Opleiding: Master in Physics, Université Denis Diderot - Paris VII - Gezamenlijke MBA-MA diploma's van de Wharton School en het Lauder Institute, University of Pennsylvania
Ervaring: François Desné startte zijn carrière in 1996 bij RHODIA waar hij verschillende managementfuncties in kwaliteit en ontwikkeling uitoefende. In 2003 verhuisde hij naar BASF waar hij diverse regionale en globale leiderschapsrollen opnam in Europa en Azië, telkens met toenemende reikwijdte en verantwoordelijkheid als SVP van verschillende globale divisies. In 2016 voegde François Desné zich bij Recticel als Group General Manager van Recticel Engineered Foams en als lid van het Recticel Group Executive Committee.
Divisie-CEO Staaldraadtoepassingen en Bridon-Bekaert Ropes Group
Bekaert Jaarverslag 2025 − 45 −
Eric Peeters
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1969
Start loopbaan Bekaert: 2024
Opleiding: Master in de ingenieurswetenschappen: chemische technologie - Universiteit Leuven
Ervaring: Eric Peeters begon zijn carrière in 1992 bij Dow Corning met een focus op procestechniek.In 2002 stapte hij over naar de eerste van een reeks functies in algemeen management en uitvoerend leiderschap die zijn ervaring over meerdere eindmarkten en divisies in de portefeuille van het bedrijf zouden uitbreiden. In 2020 werd hij benoemd tot Vice President Sustainability, Coatings & Performance Materials bij Dow.
Peeters
Divisie-CEO Duurzaam Bouwen
Duurzaam Bouwen is een subsegment van de divisie Specialty Business
Barry
Nationaliteit: Amerikaans
Geboortejaar: 1962
Start loopbaan Bekaert: 2023
Opleiding: Master of Science en PhD in Chemistry – MBA / Emory University of Atlanta / Harvard University in Cambridge / Temple University in Philadelphia
Ervaring: Barry Snyder heeft een sterke staat van dienst in globaal leiderschap met uitgebreide industriële ervaring in gespecialiseerde chemicaliën en materialen. Barry begon zijn loopbaan in 1990 bij Rohm and Haas Company waar hij functies met toenemende verantwoordelijkheid opnam in marketing en research over verschillende regio's. Van 2007 tot 2014 bekleedde hij leiderschapsposities in technologie en innovatie bij Celanese Corporation en HB Fuller Company (VS) en bij Orion Engineered Carbons (Duitsland). In 2015 voegde Barry Snyder zich bij Axalta Coating Systems in de VS, eerst als Chief Technology Officer en vervolgens als Chief Operations and Supply Chain Officer. Hij had ook operationele verantwoordelijkheden bij Axalta als Regional Leader EMEA, gevestigd in Zwitserland.
Snyder
Chief Operating Officer
Bekaert Jaarverslag 2025 − 46 −
Gunter
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1970
Start loopbaan Bekaert: 2020
Opleiding: Handelsingenieur - Boekhouding en Auditing - IT- auditing / Katholieke Universiteit Leuven / Universiteit Antwerpen
Ervaring: Gunter Van Craen begon zijn carrière in interne audit bij KBC. In 2003 voegde hij zich bij Johnson & Johnson waar hij verschillende IT en finance managementfuncties met toenemende reikwijdte en verantwoordelijkheid opnam. Hoewel oorspronkelijk vooral in finance-rollen verhuisde Gunter naar globale IT-functies en werd hij CIO voor de integratie van Crucell in Janssen Pharmaceutica en vervolgens VP IT Pharma R&D. Zijn laatste positie alvorens bij Bekaert aan de slag te gaan was als SVP IT voor technologiediensten bij J&J, met verantwoordelijkheid voor alle IT-gerelateerde diensten in EMEA, Latijns-Amerika en Azië.
Van Craen
Chief Digital and Information Officer
Curd
Nationaliteit: Belgisch
Geboortejaar: 1965
Start loopbaan Bekaert: 1989
Opleiding: Master of Science in Engineering en Master in Toegepaste Economische Wetenschappen, beide aan de Katholieke Universiteit Leuven.
Ervaring: Curd begon zijn carrière bij Bekaert als Total Quality Management consultant in 1989. Hij werkte 13 jaar in Azië, waar hij meerdere leidinggevende functies in algemeen management bekleedde. In 2004 keerde hij terug naar Europa en gaf hij leiding aan de subsegmenten Carding Solutions en Zaagdraad. In 2012 voegde hij zich bij het Bekaert Group Executive en verhuisde hij opnieuw naar Azië waar hij als Executive VP werkte voor Noord- en Zuidoost- Azië en later als EVP Global Operations en Chief Operations Officer. In 2019 werd hij Divisie-CEO van Bridon-Bekaert Ropes Group. Na zijn vertrek bij Bekaert in 2022 nam hij een aantal niet-uitvoerende bestuursfuncties op in zowel profit als non-profit bedrijven en organisaties. Curd voegde zich opnieuw bij Bekaert in 2025 als CEO van Rubberversterking.
Vandekerckhove
CEO Rubberversterking
Bekaert Jaarverslag 2025 − 47 −
Boven, van links naar rechts: Curd Vandekerckhove, Gunter Van Craen en Seppo Parvi. Onder, van links naar rechts: Eric Peeters, Yves Kerstens en François Desné. Toegevoegde foto, van links naar rechts: Barry Snyder en Kerstin Artenberg
Deel 2 Verklaringen
| Inhoud | Pagina |
|---|---|
| Corporate governance verklaring | 50 |
| Raad van Bestuur | 52 |
| Comités van de Raad van Bestuur | 54 |
| Evaluatie | 56 |
| Uitvoerend Management | 57 |
| Diversiteit | 58 |
| Regels van behoorlijk gedrag | 59 |
| Remuneratieverslag | 60 |
| Aandelen | 74 |
| Controle en ERM | 80 |
| Financieel Overzicht | 89 |
| Geconsolideerde jaarrekening | 90 |
| Geconsolideerde winst-en-verliesrekening | 90 |
| Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat | 91 |
| Geconsolideerde balans | 92 |
| Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen | 93 |
| Geconsolideerd kasstroomoverzicht | 95 |
| Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening | 96 |
| 1. Algemene informatie | 96 |
| 2. Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor de financiële verslaggeving | 96 |
| 2.1. Conformiteitsverslag | 96 |
| 2.2. Algemene principes | 97 |
| 2.3. Balanselementen | 98 |
| 2.4. Elementen van de winst-en-verliesrekening | 105 |
| 2.5. Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen | 105 |
| 2.6. Alternatieve prestatiemaatstaven | 105 |
| 2.7. Diverse | 106 |
| 3. Significante beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden | 106 |
| 3.1. Significante beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving | 106 |
| 3.2. Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden | 107 |
| 3.3. Impact van macro-economische evolutie en klimaat | 108 |
| 4. Segmentrapportering | 110 |
| 4.1. Kerncijfers per rapporteringssegment | 111 |
| 4.2. Omzet per land | 113 |
| 5. Elementen van de winst-en-verliesrekening | 113 |
| 5.1. Netto-omzet | 113 |
| 5.2. Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie | 114 |
| 5.3. Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten | 118 |
| 5.4. Renteopbrengsten en -lasten | 118 |
| 5.5. Overige financiële opbrengsten en lasten | 119 |
| 5.6. Winstbelastingen | 119 |
| 5.7. Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 120 |
| 5.8. Winst per aandeel | 121 |
| 6. Balanselementen | 122 |
| 6.1. Immateriële activa | 122 |
| 6.2. Goodwill | 123 |
| 6.3. Materiële vaste activa | 127 |
| 6.4. Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa | 129 |
| 6.5. Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 132 |
| 6.6. Overige vaste activa | 134 |
| 6.7. Uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen | 135 |
| 6.8. Operationeel werkkapitaal | 139 |
| 6.9. Overige vorderingen | 141 |
| 6.10. Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen | 141 |
| 6.11. Overige vlottende activa | 141 |
| 6.12. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa | 142 |
| 6.13. Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogens-instrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 142 |
| 6.14. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves | 146 |
| 6.15. Minderheidsbelangen | 148 |
| 6.16. Voorzieningen voor personeelsbeloningen | 149 |
| 6.17. Overige voorzieningen | 158 |
| 6.18. Rentedragende schulden | 159 |
| 6.19. Overige verplichtingen op meer dan een jaar | 161 |
| 6.20 . Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | 161 |
| 6.21. Belastingposities | 162 |
| 7. Diverse elementen | 163 |
| 7.1. Toelichting bij het kasstroomoverzicht | 163 |
| 7.2. Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten | 165 |
| 7.3. Beheer van financiële risico’s en financiële instrumenten | 167 |
| 7.4. Voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen, gewaarborgde verplichtingen en activa verpand als waarborg | 178 |
| 7.5. Verbonden partijen | 179 |
| 7.6. Gebeurtenissen na balansdatum | 180 |
| 7.7. Opdrachten uitgevoerd door de commissaris en aanverwante personen | 180 |
| 7.8. Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 180 |
| Informatie met betrekking tot de moedervennootschap | 185 |
| Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA | 185 |
| Voorstel van resultaatverwerking NV Bekaert SA 2025 | 188 |
| Statutaire benoemingen | 188 |
| Alternatieve prestatiemaatstaven | 189 |
| Verslag van de commissaris | 194 |
| Duurzaamheidsinformatie | 200 |
| ESRS 2 Algemene toelichtingen | 201 |
| Milieu-informatie | 216 |
| Sociale informatie | 264 |
| Governance | 290 |
| Content Index | 293 |
Verslag van de commissaris
Bekaert Jaarverslag 2025 − 51 −
Corporate governance verklaring
NV Bekaert SA (de ‘vennootschap’) hecht veel belang aan corporate governance. De vennootschap erkent dat deugdelijk bestuur van beursgenoteerde bedrijven een belangrijke factor is bij investeringsbeslissingen en bijdraagt aan het vertrouwen van alle stakeholders. De Raad van Bestuur heeft in 2020 de Belgische Code voor Deugdelijk Bestuur (de ‘CG Code’) aangenomen als Bekaerts referentiecode en het Bekaert Corporate Governance Charter (het ‘CG Charter’) dienovereenkomstig aangepast op 19 december 2019. Het CG Charter is sindsdien herzien door de Raad van Bestuur op 12 mei 2020, 5 oktober 2021, 17 november 2022, 30 juli 2025 en 14 januari 2026. Op 14 januari 2026 keurde de Raad van Bestuur updates van het CG Charter goed, waarin wordt verduidelijkt dat de rol van het uitvoerend management zowel collectief als individueel kan worden uitgeoefend. De vennootschap leeft de bepalingen van de CG Code na, met uitzondering van bepaling 7.6.
Volgens bepaling 7.6 zouden niet-uitvoerende bestuurders een deel van hun remuneratie moeten ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap en dienen ze deze aandelen aan te houden gedurende minstens één jaar na neerlegging van het mandaat en minstens drie jaar vanaf het moment van toekenning. Bij Bekaert hebben niet-uitvoerende Bestuurders de mogelijkheid, maar niet de verplichting, om een deel van hun remuneratie in aandelen van de vennootschap te ontvangen. Deze aandelen zijn niet onderworpen aan enige vesting- of aanhoudingsvereisten. Ondanks het niet- verplichte karakter van deze persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap, is Bekaert van mening dat de langetermijnvisie van de aandeelhouders op een redelijke wijze vertegenwoordigd wordt in de Raad van Bestuur aangezien de Voorzitter vergoed wordt in aandelen, en aangezien de niet-uitvoerende Bestuurders die benoemd worden op voordracht van de referentieaandeelhouder reeds aandelen van Bekaert bezitten (of certificaten die daarop betrekking hebben).
De CG Code is beschikbaar op www.corporategovernancecommittee.be. Het CG Governance Charter is beschikbaar op www.bekaert.com.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 52 −
Raad van Bestuur
De vennootschap heeft de monistische structuur aangenomen. Op 21 november 2024 evalueerde en bevestigde de Raad van Bestuur dat deze structuur geschikt blijft voor Bekaert.Het belangrijkste besluitvormingsorgaan is de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur is bevoegd om alle handelingen te verrichten die nodig of dienstig zijn om het doel van de vennootschap te verwezenlijken, behoudens die waarvoor volgens de wet of de statuten de Algemene Vergadering van Aandeelhouders bevoegd is. De Raad van Bestuur bestaat uit elf leden, die worden benoemd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. Zes van de Bestuurders worden benoemd uit kandidaten voorgedragen door de hoofdaandeelhouder. Alle Bestuurders worden geselecteerd en voorgedragen op basis van een competentiematrix. Het doel van de matrix is ervoor te zorgen dat de Raad van Bestuur over voldoende diversiteit, vaardigheden en ervaring beschikt om de huidige en toekomstige uitdagingen van Bekaert aan te gaan en eventuele leemtes te identificeren die mogelijk door toekomstige Bestuurders kunnen worden opgevuld. De competentiematrix omvat de volgende gebieden: ervaring bij andere beursgenoteerde bedrijven, wereldwijde CEO/C- suite-ervaring, financiële expertise, leiderschap/ HR-expertise, informatietechnologie/digitale expertise, duurzaamheid/ESG-expertise, M&A- ervaring, productie-/industriële ervaring. De functies van Voorzitter en van Gedelegeerd Bestuurder worden nooit door dezelfde persoon uitgeoefend. De Gedelegeerd Bestuurder is het enig lid van de Raad van Bestuur met een uitvoerende functie. Alle andere leden zijn niet- uitvoerende Bestuurders. Vier Bestuurders zijn onafhankelijk op grond van de criteria van artikel 7:87, §1 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (het ‘WVV’) en bepaling 3.5 van de CG Code: Henriette Fenger Ellekrog (voor het eerst benoemd in 2020), Toralf Haag (voor het eerst benoemd in 2025), Eriikka Söderström (voor het eerst benoemd in 2020) en Jürgen Tinggren (voor het eerst benoemd in 2019). In 2025 kwam de Raad van Bestuur acht keer bijeen (zeven gewone vergaderingen en één buitengewone vergadering). Naast de uitoefening van de bevoegdheden uit hoofde van de statuten en het CG Charter behandelde de Raad van Bestuur in 2025 onder meer de volgende onderwerpen:
* Bedrijfsstrategie en strategische projecten
* IT- en digitale strategie, met inbegrip van cyberbeveiliging
* Technologie- en innovatiestrategie
* Duurzaamheid en ESG
* Governance, risk en compliance, met inbegrip van de voornaamste risico’s en desbetreffende risicobeheersingsplannen uit hoofde van het 'enterprise risk management'-programma van Bekaert
* Oprichting van het Rubber Reinforcement comité
* Doelstellingen van de hoofdaandeelhouder van de vennootschap
* Budget voor 2026
* Successieplanning op het niveau van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management
* Vergoeding en incentives op korte en lange termijn voor de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het Uitvoerend Management
* Aandeleninkoopprogramma en liquiditeitsovereenkomst
De verantwoordelijkheid voor het toezicht op duurzaamheid/ESG en cyberbeveiliging is geïntegreerd in de bestaande structuur van de Raad van Bestuur en de Comités van de Raad van Bestuur. De algemene verantwoordelijkheid berust bij de Raad van Bestuur, ondersteund door specifieke verantwoordelijkheden die zijn toegewezen aan het Audit, Risk en Finance Comité (proces en controles; assurance; openbaarmakingen en rapportering) en het Benoemings- en Remuneratiecomité (vaardigheden van Bestuurders; talent en bedrijfscultuur; verantwoording en link naar vergoeding van Uitvoerend Management). Hoewel de volledige Raad van Bestuur verantwoordelijk blijft voor het toezicht, heeft de Raad één hoofdbestuurder voor ESG-aangelegenheden en één hoofdbestuurder voor digitalisering en cyberbeveiligingsaangelegenheden benoemd. Deze Bestuurders bieden ondersteuning en fungeren als klankbord voor het Uitvoerend Management bij de voorbereiding van bestuursvergaderingen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 53 −
| Naam | Aanvang eerste mandaat | Einde (huidig) mandaat als Bestuurder | Hoofdfunctie² | Aantal bijgewoonde vergaderingen | Aanwezigheids- graad |
|---|---|---|---|---|---|
| Voorzitter Jürgen Tinggren¹ | mei 2019 | mei 2027 | NV Bekaert SA | 8/8 | 100% |
| Gedelegeerd Bestuurder Yves Kerstens | september 2023 | mei 2028 | NV Bekaert SA | 8/8 | 100% |
| Leden voorgedragen door de hoofdaandeelhouder | |||||
| Nicolas D'heygere | mei 2025 | mei 2026 | Managing Partner, Waterland Private Equity (België) | 4/5 | 80% |
| Christophe Jacobs van Merlen | mei 2016 | mei 2028 | Partner, Bain Capital (VK) | 8/8 | 100% |
| Maxime Parmentier | mei 2022 | mei 2027 | Chief Executive Officer, Birdie Care Services Ltd (VK) | 8/8 | 100% |
| Caroline Storme | mei 2019 | mei 2027 | Finance Business Partner, UCB (Belgium) | 7/8 | 88% |
| Emilie van de Walle de Ghelcke | mei 2016 | mei 2028 | Head of Legal, Sofina (België) | 8/8 | 100% |
| Henri Jean Velge | mei 2016 | mei 2028 | Bestuurder van vennootschappen | 8/8 | 100% |
| Onafhankelijke Bestuurders | |||||
| Henriette Fenger Ellekrog | mei 2020 | mei 2029 | Chief Human Resources Officer, Ørsted (Denemarken) | 8/8 | 100% |
| Toralf Haag | mei 2025 | mei 2026 | Chief Executive Officer, Aurubis AG (Duitsland) | 5/5 | 100% |
| Eriikka Söderström | mei 2020 | mei 2029 | Onafhankelijk bestuurder van vennootschappen | 8/8 | 100% |
¹ Jürgen Tinggren is een onafhankelijk Bestuurder.
² De curricula vitae van de Bestuurders zijn terug te vinden in Deel I: Leiderschap van dit rapport.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 54 −
Comités van de Raad van Bestuur
De Raad van Bestuur heeft twee permanente adviserende comités: het Audit, Risk en Finance Comité en het Benoemings- en Remuneratiecomité. Krachtens artikel 19 van de statuten is de Raad van Bestuur bevoegd om in zijn midden bijkomende adviserende comités op te richten ter ondersteuning van zijn werkzaamheden. Het richtte in september 2025 een ad hoc adviescomité op voor de rubberversterkings- activiteiten, bestaande uit vijf Bestuurders.
Audit, Risk en Finance Comité
Het Audit, Risk en Finance Comité is samengesteld in overeenstemming met artikel 7:99 van het WVV en bepaling 4.3 van de CG Code. Alle leden zijn niet-uitvoerende Bestuurders en drie leden, Toralf Haag, Eriikka Söderström en Jürgen Tinggren, zijn onafhankelijk. De voorzitter van het Comité, Eriikka Söderström, werd benoemd door de leden van het Comité. De deskundigheid van Eriikka Söderström op het gebied van boekhouding en auditing blijkt uit haar voormalige functie als Chief Financial Officer van F-Secure Corporation, Kone Corporation, en Vacon PLC, alle drie beursgenoteerd op Nasdaq Helsinki. Daarnaast heeft ze ervaring als Voorzitter van het Auditcomité bij Comptel, Valmet, Kempower en Amadeus IT Group. De leden van het Comité beschikken over een collectieve deskundigheid die relevant is voor de sector waarin de vennootschap actief is. De Gedelegeerd Bestuurder en CFO worden uitgenodigd om de vergaderingen van het Comité als gast bij te wonen zonder lid te zijn. Deze regeling waarborgt de noodzakelijke interactie tussen de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management. Het Comité had vijf gewone vergaderingen en één buitengewone vergadering in 2025. De commissaris woonde alle vergaderingen bij. Naast de uitoefening van de bevoegdheden uit hoofde van de wet en het CG Charter besteedde het Comité bijzondere aandacht aan:
* Financieringsstructuur van de Groep
* Schuld- en liquiditeitspositie
* Aandeleninkoopprogramma en liquiditeitsovereenkomst
* Activiteitenverslagen van de afdeling Interne Audit
* Verslagen van de commissaris
* Duurzaamheidsrapportering en het bijbehorende governancekader, gegevensbeheerkader en onafhankelijke assurance
* Governance, risk en compliance, met inbegrip van de voornaamste risico’s en desbetreffende risicobeheersingsplannen uit hoofde van het 'enterprise risk management'-programma van Bekaert
| Naam | Einde huidig mandaat als Bestuurder | Aantal bijgewoonde vergaderingen | Aanwezigheids- graad |
|---|---|---|---|
| Toralf Haag | 2026 | 3/3 | 100% |
| Eriikka Söderström | 2029 | 6/6 | 100% |
| Caroline Storme | 2027 | 6/6 | 100% |
| Jürgen Tinggren | 2027 | 6/6 | 100% |
| Henri Jean Velge | 2028 | 6/6 | 100% |
Benoemings- en Remuneratiecomité
Het Benoemings- en Remuneratiecomité wordt samengesteld zoals vereist door artikel 7:100 van het WVV en bepaling 4.3 van de CG Code: alle drie leden zijn niet-uitvoerende Bestuurders en de meerderheid van de leden is onafhankelijk. Het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur. De deskundigheid van het Comité op het gebied van remuneratiebeleid wordt aangetoond door de relevante ervaring van haar leden.
| Naam | Einde huidig mandaat als Bestuurder | Aantal bijgewoonde vergaderingen | Aanwezigheids- graad |
|---|---|---|---|
| Jürgen Tinggren | 2027 | 6/6 | 100% |
| Henriette Fenger Ellekrog | 2029 | 6/6 | 100% |
| Christophe Jacobs van Merlen | 2028 | 6/6 | 100% |
Eén van de door de hoofdaandeelhouder voorgedragen Bestuurders, de Gedelegeerd Bestuurder en de Chief Human Resources Officer werden uitgenodigd om de vergaderingen van het Comité als gast bij te wonen zonder lid te zijn. Het Comité had vijf gewone vergaderingen en één
Bekaert Jaarverslag 2025 − 55 −
buitengewone vergadering in 2025. Naast de uitoefening van de bevoegdheden uit hoofde van de wet en het CG Charter besteedde het Comité bijzondere aandacht aan:
* Leiderschapsontwikkeling en talentstrategie
* Successieplanning op het niveau van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management
* Remuneratieverslag 2024
* Remuneratiebeleid
* Vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder en andere leden van het Uitvoerend Management
* Doelstellingen voor de korte- en langetermijn incentives voor de Groep, de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het Uitvoerend Management
* Beoogde operationele model van de vennootschap
Bekaert Jaarverslag 2025 − 56 −
Evaluatie
De voornaamste kenmerken van de werkwijze voor de evaluatie van de Raad van Bestuur, zijn Comités en de individuele Bestuurders zijn beschreven in dit hoofdstuk en in paragraaf II.3.4 van het CG Charter. De Raad van Bestuur, onder leiding van de Voorzitter, evalueert minstens om de drie jaar zijn eigen prestaties alsook zijn interactie met het Uitvoerend Management, evenals zijn omvang, samenstelling en werking, alsook dat van de Comités.De evaluatie verloopt via een formele procedure, al dan niet extern gefaciliteerd, in overeenstemming met een door de Raad van Bestuur goedgekeurde methodologie. Aan het einde van het mandaat van elke Bestuurder, evalueert het Benoemings- en Remuneratiecomité de aanwezigheid van de Bestuurder in de vergaderingen van de Raad en de Comités en hun engagement en constructieve betrokkenheid in besprekingen en besluitvorming, conform een vooraf bepaalde en transparante procedure. Het Benoemings- en Remuneratiecomité beoordeelt eveneens of de bijdrage van elke Bestuurder is afgestemd op veranderende omstandigheden. De Raad van Bestuur handelt op basis van de resultaten van de prestatie-evaluatie. In voorkomend geval houdt dit in dat er nieuwe leden ter benoeming worden voorgedragen, dat wordt voorgesteld om bestaande leden niet te herbenoemen, of dat maatregelen worden genomen die nuttig worden geacht voor de doeltreffende werking van de Raad van Bestuur. De Voorzitter blijft steeds beschikbaar om suggesties ter verbetering van de werking van de Raad of de Comités van de Raad in overweging te nemen. De niet-uitvoerende Bestuurders komen minstens eenmaal per jaar bijeen in afwezigheid van de Gedelegeerd Bestuurder om hun interactie met het Uitvoerend Management te beoordelen. In 2025 heeft de Raad van Bestuur een zelfevaluatie uitgevoerd. De evaluatie had betrekking op de samenstelling en structuur van de Raad, zijn prestaties en verantwoordelijkheden, de doeltreffendheid van de vergaderingen en de vooruitgang geboekt met betrekking tot de actiepunten vastgesteld tijdens de zelfevaluatie van 2024.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 57 −
Uitvoerend Management
De Raad van Bestuur heeft bijzondere operationele bevoegdheden gedelegeerd aan het Uitvoerend Management onder leiding van de Gedelegeerd Bestuurder. De verantwoordelijk- heden van het Uitvoerend Management omvatten het runnen van de vennootschap en de implementatie van interne controles, zijnde de mechanismen voor het identificeren, beoordelen, beheren en opvolgen van financiële en andere risico's, zonder afbreuk te doen aan de toezichthoudende rol van de Raad van Bestuur en in overeenstemming met het kader dat is goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Het Uitvoerend Management is verder verantwoordelijk voor het voorleggen van volledige, tijdige, betrouwbare en nauwkeurige jaarrekeningen aan de Raad van Bestuur in overeenstemming met de toepasselijke boekhoudnormen en het beleid van de vennootschap, en voor het voorbereiden van de vereiste openbaarmakingen van dergelijke jaarrekeningen en andere materiële financiële en niet-financiële informatie. Het moet ook de Raad van Bestuur een evenwichtige en begrijpelijke beoordeling van de financiële positie van de vennootschap verstrekken en ervoor zorgen dat alle informatie die de Raad van Bestuur nodig heeft om zijn taken uit te voeren, tijdig wordt verstrekt.
Eind 2025 bestond het Uitvoerend Management uit acht leden, waaronder de Gedelegeerd Bestuurder. Deze leden vertegenwoordigden de verschillende businesses en globale functies. Juan Carlos Alonso, Chief Strategy Officer, heeft Bekaert verlaten op 31 maart 2025. Op 1 oktober 2025 is Curd Vandekerckhove in dienst getreden bij Bekaert als CEO Rubberversterking. Annie Xu- Huhmann, voorheen divisie-CEO Rubberversterking, heeft de rol van President Rubberversterking op zich genomen. Kerstin Artenberg, Chief Human Resources Officer, heeft Bekaert eind februari 2026 verlaten. Anthony Huyghebaert heeft op 4 februari 2026 Bekaert vervoegd als interim- Chief Human Resources Officer.
| Naam | Functie | Benoeming als Uitvoerend Manager |
|---|---|---|
| Yves Kerstens | Gedelegeerd bestuurder | 2021 |
| Gunter Van Craen$^1$ | Chief Digital and Information Officer | 2022 |
| Seppo Parvi | Chief Financial Officer | 2024 |
| Kerstin Artenberg$^2$ | Chief Human Resources Officer | 2021 |
| Barry Snyder | Chief Operating Officer | 2023 |
| Juan Carlos Alonso$^3$ | Chief Strategy Officer | 2019 |
| Annie Xu-Huhmann$^4$ | Divisie-CEO Rubberversterking | 2023 |
| Curd Vandekerckhove$^5$ | CEO Rubberversterking | 2025 |
| Eric Peeters | Divisie-CEO Duurzaam Bouwen | 2024 |
| François Desne | Divisie-CEO Staaldraadtoepassingen en Bridon-Bekaert Ropes Group | 2022 |
$^1$ Tot 31 januari 2026.
$^2$ Tot 28 februari 2026.
$^3$ Tot 31 maart 2025.
$^4$ Tot 30 september 2025.
$^5$ Vanaf 1 oktober 2025.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 58 −
Diversiteit
Als een echt internationaal bedrijf omarmt Bekaert diversiteit op alle niveaus binnen de organisatie, wat wordt beschouwd als een belangrijke bron van kracht. Dit geldt voor diversiteit op het gebied van nationaliteit, culturele achtergrond, leeftijd en geslacht, maar ook op het gebied van vaardigheden, zakelijke ervaring, inzichten en standpunten.
Diversiteit in nationaliteiten
Bekaert biedt tewerkstelling aan mensen van 71 verschillende nationaliteiten in 36 landen over de hele wereld. Deze diversiteit wordt weerspiegeld op alle niveaus van de organisatie en in de samenstelling van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management.
| 31 december 2025 | Aantal personen | Aantal nationaliteiten | niet-Belgische nationaliteit | % niet-Belgische nationaliteit |
|---|---|---|---|---|
| Raad van Bestuur | 11 | 5 | 4 | 36% |
| Uitvoerend Management | 8 | 5 | 4 | 67% |
Genderdiversiteit
De vennootschap voldoet aan de wettelijke vereiste dat minstens een derde van de leden van de Raad van Bestuur van het andere geslacht is. Bekaert hanteert een wervings- en promotiebeleid dat gericht is op het gestaag verhogen van diversiteit, waaronder genderdiversiteit. De doelstelling ter ondersteuning van genderdiversiteit is opgenomen in de ESG-verklaringen in sectie S1-5 op pagina 251.
| 31 december 2025 | Aantal personen | % mannen | % vrouwen |
|---|---|---|---|
| Raad van Bestuur | 11 | 64% | 36% |
| Uitvoerend Management | 8 | 87% | 13% |
Leeftijdsdiversiteit
| 31 december 2025 | Aantal personen | Leeftijd 30-50 jaar | Leeftijd > 50 jaar |
|---|---|---|---|
| Raad van Bestuur | 11 | 45% | 55% |
| Uitvoerend Management | 8 | —% | 100% |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 59 −
Regels van behoorlijk gedrag
Wettelijke belangenconflicten in de Raad van Bestuur
Volgens artikel 7:96 van het WVV moet een lid van de Raad van Bestuur de overige leden vooraf informeren over agendapunten waaromtrent hij/ zij rechtstreeks of onrechtstreeks een met de vennootschap strijdig belang van vermogensrechtelijke aard heeft en moet hij/zij zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en de stemming daarover. In 2025 was er één keer sprake van een belangenconflict. De bepalingen van artikel 7:96 van het WVV werden nageleefd. Op 27 februari 2025 had Yves Kerstens een belangenconflict toen de Raad van Bestuur zijn kortetermijn-variabele-vergoeding (€ 347 065) besprak op basis van zijn prestaties in 2024 als Gedelegeerd Bestuurder, en hierover moest stemmen.
Uittreksel uit de notulen:
BESLUIT
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad van Bestuur de voorgestelde kortetermijn-variabele- vergoeding goed die verschuldigd is aan de Gedelegeerd Bestuurder voor zijn prestaties in 2024.
Andere transacties met Bestuurders en Uitvoerend Management
Het CG Charter bevat gedragsregels met betrekking tot rechtstreekse en onrechtstreekse belangenconflicten van de leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management die buiten het toepassingsgebied van artikel 7:96 van het WVV vallen. Deze leden worden geacht met Bekaert verbonden partijen te zijn, en moeten jaarlijks melding maken van rechtstreekse of onrechtstreekse transacties met Bekaert of zijn dochterondernemingen. Bekaert is niet op de hoogte van enig potentieel belangenconflict betreffende dergelijke transacties in 2025 (cfr. Toelichting 7.5 bij de geconsolideerde jaarrekening).
Gedragscode
De Raad van Bestuur heeft de Bekaert Gedragscode goedgekeurd, die voor het eerst uitgegeven werd op 1 december 2004 en in juli 2025 voor het laatst werd aangepast. De Bekaert Gedragscode beschrijft hoe de waarden van Bekaert in de praktijk worden gebracht. De Gedragscode verschaft richtlijnen wanneer medewerkers voor ethische keuzes en nalevingskwesties komen te staan. Bekaert vereist dat alle werknemers, Uitvoerend Management en Bestuurders zich houden aan de Gedragscode. Bekaerts aannemers, leveranciers en andere businesspartners worden verwacht dezelfde normen te handhaven. De Bekaert Gedragscode is als Bijlage 3 volledig opgenomen in het Bekaert Corporate Governance Charter.
Marktmisbruik
Op 28 juli 2016 heeft de Raad van Bestuur de Bekaert Dealing Code aangenomen, die van kracht werd op 3 juli 2016. De Bekaert Dealing Code is als Bijlage 4 volledig opgenomen in het Bekaert Corporate Governance Charter. De Bekaert Dealing Code legt de leden van de Raad van Bestuur, het Uitvoerend Management, het senior management en bepaalde andere personen beperkingen op inzake transacties in financiële instrumenten van Bekaert tijdens gesloten periodes en sperperiodes. De Code bevat ook regels betreffende de openbaarmaking van uitgevoerde transacties door leidinggevenden en hun nauw verbonden personen door middel van een kennisgeving aan de vennootschap en aan de Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA). De Algemeen Secretaris is de Dealing Code Officer voor het doel van de Bekaert Dealing Code.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 60 −
Remuneratieverslag
Beschrijving van de procedure die in 2025 werd gebruikt voor (i) de ontwikkeling van een remuneratiebeleid voor de niet-uitvoerende Bestuurders en het Uitvoerend Management en (ii) de bepaling van de remuneratie van de individuele Bestuurders en het Uitvoerend Management
In overeenstemming met artikel 7:89/1 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (het ‘WVV’) werd het remuneratiebeleid voor de leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management ter stemming voorgelegd aan de aandeelhouders tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 14 mei 2025. Het remuneratiebeleid is de opvolger van de vorige versie die vanaf 2021 van toepassing was. Het recente remuneratiebeleid ging in op 1 januari 2025 en wordt bij wezenlijke wijziging voorgelegd aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders ter goedkeuring, en minstens om de 4 jaar.In toepassing van het remuneratiebeleid werd de remuneratie in 2025 voor de niet-uitvoerende Bestuurders bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden op 14 mei 2025, handelend op motie van de Raad van Bestuur. De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur voor de uitvoering van al zijn taken in het bedrijf voor de periode juni 2023–mei 2027 is vastgesteld door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 10 mei 2023 en is een vast bedrag van € 650 000 per jaar (voor de periode juni–mei).
In toepassing van het remuneratiebeleid werd de remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder bepaald door de Raad van Bestuur, die optreedt bij voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité (NRC). De Gedelegeerd Bestuurder is niet aanwezig bij deze procedure en neemt geen deel aan de stemming en de beraadslaging. Het NRC verzekert de conformiteit van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder met het remuneratiebeleid van de vennootschap. Een kopie van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder is op verzoek van een Bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.
In toepassing van het remuneratiebeleid werd de remuneratie van de leden van het Uitvoerend Management, andere dan de Gedelegeerd Bestuurder, bepaald door de Raad van Bestuur, die optreedt bij voorstellen van het NRC. De Gedelegeerd Bestuurder heeft een adviserende rol in deze procedure. Het NRC verzekert de conformiteit van het contract van elk lid van het Uitvoerend Management met het remuneratiebeleid van de vennootschap. Een kopie van elk contract is op verzoek van een Bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.
Verklaring van het remuneratiebeleid dat in 2025 werd gebruikt voor de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management
Raad van Bestuur
Doelstelling en bijdrage tot de strategie
De remuneratie wordt vastgesteld op een niveau dat voldoende is om niet-uitvoerende Bestuurders aan te trekken die beschikken over de competenties die nodig zijn om de internationale ambitie van het bedrijf waar te maken. Ze is vastgesteld om niet-uitvoerende Bestuurders te belonen voor hun rol als lid van de Raad van Bestuur en hun specifieke rol als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van de Comités van de Raad van Bestuur, evenals de daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheden en de tijd die ze daaraan besteden.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 61 −
Werking
Voorzitter van de Raad van Bestuur
- De remuneratie van de Voorzitter wordt bij de aanvang van zijn opdracht bepaald, en geldt in principe voor de duur van die opdracht.
- De remuneratie van de Voorzitter wordt bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, op aanbeveling van de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het NRC.
- Vergoedingen worden 100% in contanten uitbetaald, maar met de mogelijkheid om elk jaar een deel daarvan (0%, 25%, 50%, 75% of 100%) te ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap. Deze zijn niet onderhevig aan enige participatie- of verwervingsvereisten.
Overige niet-uitvoerende Bestuurders
- De remuneratie van de overige niet-uitvoerende Bestuurders wordt bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op aanbeveling van de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het NRC voor het lopende boekjaar.
- Vergoedingen worden 100% in contanten betaald, maar met de mogelijkheid om elk jaar een deel daarvan (0%, 25% of 50%) te ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap. Deze zijn niet onderworpen aan enige participatie- of verwervingsvereisten.
De Raad van Bestuur kan specifieke taken aan één of meerdere Bestuurders toevertrouwen (zoals met betrekking tot ESG of cyberbeveiliging). De aanvullende remuneratie van deze Bestuurder(s) met betrekking tot deze specifieke taken wordt vastgesteld door de Raad van Bestuur, op voorstel van het NRC, en is onderworpen aan de goedkeuring van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders voor het lopende kalenderjaar.
De remuneratie van de Voorzitter en de overige niet-uitvoerende Bestuurders wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde referentiegroep van relevante beursgenoteerde Belgische en internationale referenties.
Uitvoerend Bestuurder
Zonder afbreuk te doen aan de remuneratie in zijn hoedanigheid als lid van het Uitvoerend Management, heeft de Gedelegeerd Bestuurder geen recht op een remuneratie voor zijn mandaat als uitvoerend Bestuurder.
Structuur van de vergoeding
Er wordt een modulaire structuur toegepast voor niet-uitvoerende Bestuurders om ervoor te zorgen dat de remuneratie op een billijke manier hun rol reflecteert als lid van de Raad van Bestuur en hun specifieke rol als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van een Comité van de Raad van Bestuur, evenals de daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheden en de tijd die ze daaraan besteden.
De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur wordt als volgt vastgesteld:
* een vast bedrag van €650 000 bruto per jaar omgezet in een aantal aandelen van de vennootschap.
De remuneratie van elke niet-uitvoerende Bestuurder, met uitzondering van de Voorzitter, wordt als volgt vastgesteld:
* een vast bedrag van €80 000 voor de uitoefening van de taken als lid van de Raad van Bestuur;
* een vast bedrag van €20 000 bruto voor de uitoefening van de taken als lid of Voorzitter van een Comité van de Raad van Bestuur, en een bijkomend vast bedrag van €5 000 bruto voor de Voorzitter van het Audit, Risk en Finance Comité.
* een vast bedrag van €10 000 bruto voor Bestuurders die belast zijn met specifieke taken met betrekking tot ESG en cyberbeveiliging.
* De vaste bedragen voor de leden of Voorzitter van een Comité van de Raad van Bestuur of voor specifieke taken worden betaald bovenop de vaste bedragen voor de uitoefening van de taken als lid van de Raad van Bestuur.
Prestatiemaatstaven
De Voorzitter en de andere niet-uitvoerende Bestuurders ontvangen geen prestatiegebonden remuneratie die rechtstreeks verband houdt met de resultaten van de vennootschap. Ze hebben geen recht om deel te
Bekaert Jaarverslag 2025 − 62 −
nemen aan een van de incentive programma’s van de vennootschap en ontvangen geen aandelenopties of voordelen verbonden aan pensioenplannen.
Aandelengerelateerde remuneratie
De vennootschap leeft de bepalingen van de CG Code na, met uitzondering van bepaling 7.6. Volgens bepaling 7.6 zouden niet-uitvoerende Bestuurders een deel van hun remuneratie moeten ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap en dienen ze deze aandelen aan te houden gedurende minstens één jaar na neerlegging van het mandaat en minstens drie jaar vanaf het moment van toekenning. Bij Bekaert hebben niet-uitvoerende Bestuurders de mogelijkheid, maar niet de verplichting, om een deel van hun remuneratie in aandelen van de vennootschap te ontvangen. Deze aandelen zijn niet onderworpen aan enige participatie- of verwervingsvereisten.
Ondanks het niet-verplichte karakter van deze persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap, is Bekaert van mening dat de langetermijnvisie van de aandeelhouders op een redelijke wijze vertegenwoordigd wordt in de Raad van Bestuur aangezien de Voorzitter vergoed wordt in aandelen, en aangezien de niet-uitvoerende Bestuurders die benoemd worden op voordracht van de referentieaandeelhouder reeds aandelen van Bekaert bezitten (of certificaten die daarop betrekking hebben).
Overige componenten
Uitgaven die Bestuurders redelijkerwijs in het kader van de uitoefening van hun taken doen, worden terugbetaald op voorlegging van rechtvaardigingsstukken. Bestuurders worden geacht het uitgavenbeleid voor leden van de Raad van Bestuur in acht te nemen bij het doen van uitgaven.
Uitvoerend Management
Doelstelling en bijdrage tot de strategie
Bekaert hanteert een prestatiebeloningsfilosofie waarbij het doel is om leden van het Uitvoerend Management te belonen voor prestaties die positieve bedrijfsresultaten op korte en lange termijn en waardecreatie voor de vennootschap opleveren; en om goed presterende leden van het Uitvoerend Management aan te trekken, te behouden en te engageren om de doelstellingen van de vennootschap te realiseren in overeenstemming met de risicobereidheid en gedragsnormen van de vennootschap en om duurzame waardecreatie te bevorderen.
De remuneratie van het Uitvoerend Management bestaat uit een vaste vergoeding, voordelen en toelagen, en kortetermijn- en langetermijn-incentives. Bovendien worden de leden van het Uitvoerend Management gevraagd om een minimum persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap op te bouwen en aan te houden.
- De vaste vergoeding is de vaste remuneratie die een lid van het Uitvoerend Management ontvangt voor de verantwoordelijkheden van de functie. De vennootschap streeft ernaar om ervoor te zorgen dat de vaste vergoeding competitief is in vergelijking met de marktpraktijk op mediaanniveau. Het potentieel van het lid van het Uitvoerend Management voor verdere groei, evenals consistente prestaties in het verleden, bepalen hoe het vaste salaris zich in de loop van de tijd ontwikkelt.
- Kortetermijn-incentives hebben tot doel de leden van het Uitvoerend Management te motiveren om de kortetermijndoelen van de vennootschap over een periode van één jaar te ondersteunen en sturen. De uiteindelijke uitkomst ervan wordt gedreven door de prestaties van de Groep, de prestaties van de divisie (voor divisie-CEO's) en de individuele prestatie.
- Langetermijn-incentives vergoeden de leden van het Uitvoerend Management voor hun bijdrage tot de verwezenlijking van de langetermijnstrategie van de Groep over een prestatieperiode van drie jaar. De prestatiegebonden maatstaven zijn objectieve parameters die zijn afgestemd op de strategie van de Groep.
- Voordelen en toelagen zijn in overeenstemming met lokale gebruiken en het lokale beleid; ze zijn ontworpen om competitief en kosteneffectief te zijn. Dit omvat pensioenvoordelen die ertoe bijdragen de leden van het Uitvoerend Management te ondersteunen bij hun pensioenplanning.• Een minimum persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap beoogt de belangen van het Uitvoerend Management af te stemmen op deze van de langetermijn aandeelhouders door een link te maken tussen het persoonlijk vermogen en de langetermijnprestatie van de Groep. Dit wordt mogelijk gemaakt door middel van een vrijwillig 'Share-matching Plan'. Om ervoor te zorgen dat de beloning van het Uitvoerend Management concurrerend en marktconform blijft, vergelijkt de vennootschap de totale remuneratie met een zorgvuldig geselecteerde groep vergelijkbare bedrijven. De referentiegroep wordt bepaald op basis van factoren zoals sector, omzet, geografische aanwezigheid en complexiteit van de activiteiten. Er worden regelmatig evaluaties Bekaert Jaarverslag 2025 − 63 − uitgevoerd om de relevantie te behouden en er kunnen aanpassingen worden gedaan om rekening te houden met veranderingen in de markt en veranderende bedrijfsbehoeften. De benchmarkresultaten bepalen de niveaus van het basissalaris, de STI en LTI, waarbij een evenwicht wordt gevonden tussen externe concurrentiekracht en interne rechtvaardigheid. De vennootschap streeft ernaar om het vaste salaris van het Uitvoerend Management te positioneren op de mediaan van de referentiegroep voor het Uitvoerend Management en om de totale remuneratie te positioneren op het derde kwartiel van de markt. De remuneratie van de leden van het Uitvoerend Management is afgestemd op het bredere remuneratiebeleid van de Groep.
Werking
De remuneratie van het Uitvoerend Management wordt bepaald door de Raad van Bestuur op basis van een gemotiveerde aanbeveling van het NRC.
Vaste vergoeding
* De vaste vergoeding wordt bepaald door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het NRC rekening houdend met een geselecteerde groep van vergelijkbare ondernemingen.
* De vaste verhogingen worden door de Raad van Bestuur bepaald op aanbeveling van het NRC en zijn over het algemeen afgestemd op de gemiddelde salarisverhogingen die van toepassing zijn op de bredere werknemerspopulatie, tenzij er gedurende het jaar sprake was van aanzienlijke wijzigingen in de rol en/of verantwoordelijkheden van een persoon.
Kortetermijn-incentives ('short-term incentives' — STI)
* STI voor het Uitvoerend Management zijn volledig afgestemd op het 'Variable Pay Plan' van Bekaert voor alle managers wereldwijd.
* STI worden verdiend op basis van de prestaties vanaf 1 januari tot 31 december en worden uitbetaald na afloop van het boekjaar waarop de beloning betrekking heeft.
* De doelstellingen worden aan het begin van het jaar vastgesteld door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het NRC. Deze doelstellingen omvatten doelstellingen van de Groep, de divisie (voor Divisie-CEO's) en individuele doelstellingen, zowel financieel als niet-financieel, die relevant zijn voor de beoordeling van de jaarlijkse prestaties van de Groep en de geboekte vooruitgang ten opzichte van de overeengekomen strategische doelstellingen. Ze worden jaarlijks beoordeeld door de Raad van Bestuur, op aanbeveling van het NRC.
Langetermijn-incentive ('long-term incentives' — LTI)
* Het Uitvoerend Management neemt deel aan het 'Performance Share Plan' van Bekaert dat van toepassing is voor alle senior managers wereldwijd.
* 'Performance share units' worden elk jaar toegekend en vertegenwoordigen een voorwaardelijk recht om een aandeel van de vennootschap te verwerven; deze voorwaardelijke rechten worden na drie jaar definitief verworven mits het bereiken van vooraf vastgestelde prestatiedoelen.
* Aan het begin van elke driejarige prestatieperiode beveelt het NRC een reeks prestatiedoelen aan op basis van objectieve parameters die zijn afgeleid van de strategie op lange termijn. Deze driejarige prestatiedoelstellingen worden door het NRC vastgelegd en ter goedkeuring voorgelegd aan de voltallige Raad van Bestuur.
* De mate waarin de 'performance share units' definitief verworven worden hangt af van het al dan niet bereiken van deze prestatiedoelen, waarbij er geen enkele definitieve toekenning plaatsvindt indien de werkelijke prestaties de vastgestelde minimumdrempel niet bereiken. Bij het bereiken van deze minimumdrempel, zal 50% van de 'performance share units' definitief verworven (‘gevest’) worden; de volledige verwezenlijking van de overeengekomen prestatiedoelen zal leiden tot een ‘par vesting’ van 100% van de 'performance share units'; terwijl er bij uitzonderlijke prestatie een maximale definitieve toekenning (‘vesting’) zal zijn van 300% van de 'performance share units'.
* Verworven' performance share units' worden verstrekt in het boekjaar dat volgt op de prestatieperiode. In Europa worden deze verstrekt onder de vorm van aandelen van de vennootschap, terwijl dit in de rest van de wereld onder de vorm van contanten wordt uitbetaald.
* Bij definitieve verwerving ontvangen de begunstigden ook de waarde van de dividenden over de laatste drie jaar met betrekking tot het aantal 'performance shares' waarop de definitief verworven 'performance share units' betrekking hebben.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 64 −
Prestatiemaatstaven
Kortetermijn-incentives ('short-term incentives' — STI)
De prestatie van de Groep voor de bepaling van STI in 2025 is gebaseerd op onderstaande prestatiemaatstaven en uitkomsten:
| Doelstellingen Bekaert Groep | Gewicht | Minimum | Doel | Maximum | Bereikte prestatie |
|---|---|---|---|---|---|
| Brutowinst | 20% | 16,7% | 17,6% | 18,7% | 16,0% |
| EBITDA - onderliggend | 50% | € 487 mln | € 542 mln | € 597 mln | € 469 mln |
| Werkkapitaal als % van omzet | 20% | 21,4% | 19,9% | 18,4% | 20,9% |
| Netto Promotor Score Klanten | 10% | 43 | 53 | 63 | 65 |
| Globale prestatie | 33,6% |
De Raad van Bestuur, handelend op aanbeveling van het NRC, heeft beslist om de globale prestatie van de Groep te beoordelen op 33,6%.
Voor 2026 zijn de volgende maatstaven van toepassing: brutowinst, onderliggende EBITDA en werkkapitaal, met een gelijk gewicht. Gelet op de commerciële gevoeligheid van onze kortetermijndoelstellingen, zullen de specifieke prestatiedoelstellingen worden verduidelijkt in het remuneratieverslag van 2026.
Langetermijn-incentives ('long-term incentives' — LTI)
De prestatiecriteria van de 'performance share units' uitgegeven in 2023 met betrekking tot de prestatieperiode 2023–2025 voor leden van het Uitvoerend Management zijn als volgt:
| Doelstellingen Bekaert Groep | Gewicht | Minimum | Doel | Maximum | Bereikte prestatie | Verwerving |
|---|---|---|---|---|---|---|
| EBITDA - onderliggend als % op omzet¹ | 20% | 12,6% | 14,1% | 15,6% | 12,7% | —% |
| Cum. operationele kasstroom | 20% | € 838 mln | € 1,038 mln | € 1,238 mln | € 1,104 mln | 26,6% |
| Relatieve TSR in vergelijking met een referentiegroep ² | 50% | ≥25th pct | ≥50th pct | ≥75th pct | 71% | 35,5% |
| Energieverbetering | 10,0% | -2,0% | -4,0% | -6,0% | 73% | 7,3% |
| Globale prestatie | 69% |
1 De onderliggende EBITDA als percentage van de aankoopdrempel, doelstelling en uitstaande bedragen worden alleen gehaald als de absolute EBITDAu van 2025 ten minste €594 miljoen bedraagt.
2 De startprijs van de vergelijkbare index is gebaseerd op het gemiddelde van 30 beursdagen vóór het begin van de prestatiecyclus, en de eindprijs is gebaseerd op het gemiddelde van 30 beursdagen vóór het einde van de prestatiecyclus.
In lijn met de toekenning voor de prestatieperiode 2025–2027, zijn voor de prestatieperiode 2026–2028 specifieke financiële gegevens van de vennootschap geselecteerd, meer in het bijzonder de onderliggende EBITDA als percentage op omzet, cumulatieve operationele kasstroom, relatieve TSR in vergelijking met referentiegroep en veiligheid (Aangezien het verbeteren van de veiligheid werd aangeduid als topprioriteit is energieverbetering niet langer opgenomen in de langetermijndoelen. Het blijft evenwel een bedrijfsfocus.) Gelet op de commerciële gevoeligheid van onze langetermijndoelstellingen, zullen de 2026–2028 doelstellingen worden verduidelijkt op het einde van de drie jaar durende prestatieperiode.
Opportuniteit
* De waarde van de STI op doelniveau ('target') van de Gedelegeerd Bestuurder is 75% van de vaste vergoeding en 60% van de vaste vergoeding voor de andere leden van het Uitvoerend Management. De maximale opportuniteit is 200% van dit doelniveau.
* De waarde van de LTI op doelniveau van de Gedelegeerd Bestuurder is 85% van de vaste vergoeding en 65% van de vaste vergoeding voor de andere leden van het Uitvoerend Management. De maximale uitkering is 300% van het doelniveau.
Tegen pari niveau bedraagt de waarde van de variabele vergoeding van de leden van het Uitvoerend Management meer dan 25% van hun totale remuneratie. Meer dan de helft van deze variabele vergoeding is gebaseerd op criteria over een periode van drie jaar.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 65 −
Minimum persoonlijke participatie in aandelen
Er wordt verwacht van de leden van het Uitvoerend Management dat zij een persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap opbouwen binnen vijf jaar vanaf hun aanstelling, en deze ook aanhouden gedurende hun mandaat. De volgende vereisten voor minimum persoonlijke participatie zijn van toepassing:
* De Gedelegeerd Bestuurder moet een participatieniveau bereiken en behouden dat gelijk is aan 125% van de vaste vergoeding.
* De andere leden van het Uitvoerend Management moeten een participatieniveau bereiken en behouden dat gelijk is aan 75% van hun vaste vergoeding.
Om dit mogelijk te maken biedt de vennootschap een vrijwillig 'Share-matching Plan' aan. De vennootschap komt iedere persoonlijke investering in aandelen van de vennootschap (tot maximaal 15% van de bruto uitgekeerde STI) tegemoet met een directe toekenning van aandelen van de vennootschap in het derde kalenderjaar dat volgt op deze persoonlijke participatie, voor zover de persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap verder werd aangehouden. Wanneer het lid van het Uitvoerend Management de vennootschap verlaat voor het einde van deze periode van aanhouding, zal de vennootschap per gestart kalenderjaar een derde tegemoet komen van de persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap. In geval van vrijwillig vertrek of ontslag zal er geen tegemoetkoming zijn.De termijn voor het aanhouden van deze 'matching shares' vervalt drie jaar nadat deze aandelen werden toegekend voor zover voldaan is aan de vereiste minimum persoonlijke participatie in aandelen.
Remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders met betrekking tot 2025
Het bedrag van de remuneratie dat rechtstreeks of onrechtstreeks aan de niet-uitvoerende Bestuurders, door de vennootschap of haar dochterondernemingen, wordt toegekend met betrekking tot 2025, wordt hieronder op individuele basis uiteengezet. De niet-uitvoerende Bestuurders ontvangen alleen een vaste remuneratie, gedeeltelijk uitbetaald in contanten en gedeeltelijk in aandelen van de vennootschap (cfr. sectie 4).
| in € | Periode waarop de vaste vergoeding betrekking heeft | Vaste vergoeding voor de uitvoering van taken als lid van de Raad van Bestuur | Vaste vergoeding voor lidmaatschap en/of voorzitterschap van een Comité van de Raad van Bestuur en specifieke zaken$^7$ | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Jürgen Tinggren$^1,5$ | 01.01.2025 - 31.12.2025 | 650 000 | n.v.t. | 650 000 |
| Toralf Haag$^2$ | 14.05.2025 - 31.12.2025 | 60 000 | 15 000 | 75 000 |
| Nicolas D'heygere | 14.05.2025 - 31.12.2025 | 60 000 | 60 000 | |
| Emilie van de Walle de Ghelcke$^6$ | 01.01.2025 - 31.12.2025 | 80 000 | 10 000 | 90 000 |
| Christophe Jacobs van Merlen$^4$ | 01.01.2025 - 31.12.2025 | 80 000 | 20 000 | 100 000 |
| Henri Jean Velge$^2$ | 01.01.2025 - 31.12.2025 | 80 000 | 20 000 | 100 000 |
| Caroline Storme$^2$ | 01.01.2025 - 31.12.2025 | 80 000 | 20 000 | 100 000 |
| Henriette Fenger Ellekrog$^4$ | 01.01.2025 - 31.12.2025 | 80 000 | 20 000 | 100 000 |
| Eriikka Söderström$^2,3$ | 01.01.2025 - 31.12.2025 | 80 000 | 25 000 | 105 000 |
| Maxime Parmentier$^6$ | 01.01.2025 - 31.12.2025 | 80 000 | 10 000 | 90 000 |
| Totale remuneratie van Bestuurders | 1 470 000 |
$^1$ Voorzitter, Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité, lid van het Audit, Risk en Finance Comité.
$^2$ Lid van het Audit, Risk en Finance Comité.
$^3$ Voorzitter van het Audit, Risk en Finance Comité.
$^4$ Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
$^5$ De vaste vergoeding van €650 000 heeft betrekking op toegekende aandelen op 31 mei 2025 voor de periode juni 2025–mei 2026.
$^6$ Hoofdbestuurder voor specifieke zaken (met betrekking tot ESG en cyberbeveiliging)
$^7$ Er is geen commissievergoeding voor de leden van het ad-hoc adviescomité dat is toegewezen aan de divisie Rubberversterking
Bekaert Jaarverslag 2025 − 66 −
Op aandelen gebaseerde remuneratie voor niet-uitvoerende Bestuurders
De vaste vergoeding van de Voorzitter wordt volledig vereffend in aandelen van de vennootschap. Voor de andere niet-uitvoerende Bestuurders, wordt de vergoeding voor de uitoefening van taken als een lid van de Raad van Bestuur betaald in contanten, maar met de opportuniteit om elk jaar een deel daarvan (0%, 25% of 50%) te ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap. Vaste vergoedingen voor de uitoefening van taken als lid of voorzitter van een Comité van de Raad van Bestuur worden contant betaald.
Hieronder staat het aantal aandelen van de vennootschap vermeld dat in 2025 aan niet-uitvoerende Bestuurders is toegekend. Duidelijkheidshalve, onderstaande bedragen zijn inbegrepen in de remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders vermeld in sectie 3.
| Niet-uitvoerende Bestuurders | Percentage aandelen | Brutobedrag in € | Aantal aandelen$^1$ |
|---|---|---|---|
| Voorzitter Jürgen Tinggren$^2$ | 100% | 650 000 | 18 764 |
| Niet-uitvoerende Bestuurders benoemd door de hoofdaandeelhouder | |||
| Christophe Jacobs van Merlen | 50% | 40 000 | 577 |
| Maxime Parmentier | 50% | 40 000 | 521 |
| Caroline Storme | 50% | 40 000 | 577 |
| Emilie van de Walle de Ghelcke | 50% | 40 000 | 577 |
| Henri Jean Velge | 50% | 40 000 | 586 |
| Onafhankelijke niet-uitvoerende Bestuurders | |||
| Henriette Fenger Ellekrog | 50% | 40 000 | 586 |
| Eriikka Söderström | 50% | 40 000 | 586 |
| Totaal | 930 000 | 22 774 |
$^1$ De aandelen van de Voorzitter zijn bruto aandelen vóór belastingen, de aandelen van de andere Bestuurders zijn netto aandelen, na belastingen.
$^2$ De toegekende aandelen van €650 000 hebben betrekking op de periode juni 2025 - mei 2026.
Op 31 december 2025 bezaten de Stichting Administratiekantoor Bekaert en partijen die in onderling overleg handelen 37,65% van de aandelen van Bekaert. Zes leden van de Raad van Bestuur worden benoemd uit kandidaten die door de Stichting Administratiekantoor Bekaert zijn voorgedragen.
De onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders bezaten het volgende aantal Bekaert-aandelen:
| Bestuurder | Aantal Bekaert-aandelen |
|---|---|
| Jürgen Tinggren | 70 539 |
| Henriette Fenger Ellekrog | 3 885 |
| Eriikka Söderström | 4 806 |
| Toralf Haag | 0 |
Remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2025 in zijn hoedanigheid van uitvoerend Bestuurder
Onverminderd zijn remuneratie in zijn hoedanigheid van Uitvoerend Manager, ontving de Gedelegeerd Bestuurder geen remuneratie voor zijn mandaat als uitvoerend Bestuurder.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 67 −
Remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2025
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de Gedelegeerd Bestuurder door de vennootschap of haar dochterondernemingen worden toegekend met betrekking tot 2025 voor de rol van Gedelegeerd Bestuurder wordt hieronder uiteengezet:
| Gedelegeerd Bestuurder | Opmerkingen |
|---|---|
| Yves Kerstens | Periode 01.01.2025-31.12.2025 |
| Vaste vergoeding | 870 000 |
| Kortetermijn-variabele-vergoeding ('STI') | 197 316 |
| Langetermijn-variabele-vergoeding ('LTI') | 278 785 |
| Pensioen | 217 500 |
| Share matching | 53 800 |
| Diverse overige componenten | 32 464 |
| Totale remuneratie | 1 649 865 |
| Variabele remuneratie uitgedrukt als % van het totaal | 32% |
| Vaste remuneratie uitgedrukt als % van totaal | 68% |
De beoordeling van de criteria om de prestaties te evalueren voor de STI in 2025 leidt tot een uitbetaling van 30,2% ten opzichte van het doelniveau ('target') voor de Gedelegeerd Bestuurder. Er werd een LTI‑verwerving toegekend van 69% ten opzichte van de target voor de 'performance share units' die in maart 2023 zijn toegekend en betrekking hebben op de prestatieperiode 2023–2025. Het remuneratiebeleid voorziet dat de LTI op doelniveau (‘target’) gelijk is aan 85% van de vaste vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder. In maart 2025 werden 'performance share units' toegekend met betrekking tot de prestatieperiode 2025–2027 rekening houdend met 85% LTI-doelniveau. Er was in 2025 een tegemoetkoming voor persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap gedaan in 2023 in lijn met het 'Share-matching Plan'.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 68 −
Remuneratie van de andere leden van het Uitvoerend Management met betrekking tot 2025
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de leden van het Uitvoerend Management anders dan de Gedelegeerd Bestuurder door de vennootschap of haar dochterondernemingen worden toegekend met betrekking tot 2025 wordt hierna op globale basis weergegeven.
| Remuneratie | Opmerkingen |
|---|---|
| Vaste vergoeding | 3 390 940 |
| Korte termijn variabele vergoeding ('STI') | 858 637 |
| Lange termijn variabele vergoeding ('LTI') | 1 272 348 |
| Pensioen | 757 261 |
| Share matching | 38 564 |
| Diverse overige componenten | 355 403 |
| Totale remuneratie | 6 673 153 |
| Variabele remuneratie uitgedrukt als % van het totaal | 33% |
| Vaste remuneratie uitgedrukt als % van totaal | 67% |
De remuneratie omvat de pro rata vergoeding van Juan Carlos Alonso (tot 31 maart 2025), Annie Xu- Huhmann (tot 30 september 2025) en Curd Vandekerckhove (vanaf 1 oktober 2025).
De beoordeling van de criteria om de prestaties te evalueren voor de STI in 2025 leidt tot een uitbetaling van 42,2% ten opzichte van het doelniveau ('target'). Voor de in aanmerking komende leden van het Uitvoerend Management werd er een LTI‑verwerving toegekend van 69% ten opzichte van de target voor de 'performance share units' die in maart 2023 zijn toegekend en betrekking hebben op de prestatieperiode 2023–2025 (wij verwijzen naar sectie 8). De pensioenkosten omvatten het opgebouwde vergoedingskrediet voor het pensioenplan van het type cash balance.
Op aandelen gebaseerde remuneratie voor leden van het Uitvoerend Management
De langetermijn-incentives worden alleen uitgekeerd door middel van 'performance share units' die worden toegekend in het kader van het 'Performance Share Plan'. Daarnaast nemen de leden van het Uitvoerend Management deel aan een vrijwillig 'Share-matching Plan'.
Performance Share Units
Er werden in maart 2025' performance share units' met betrekking tot de prestatieperiode 2025–2027 toegekend aan het Uitvoerend Management. De financiële doelstellingen van het bedrijf voor de prestatieperiode 2025–2027 zijn: onderliggende EBITDA als percentage van de omzet, elementen van de cumulatieve kasstroom, TSR ten opzichte van een referentiegroep (een selectie van 19 beursgenoteerde industriële bedrijven, gevestigd in Europa met een wereldwijd bereik, vergelijkbaar in grootte, werknemers en beurswaarde) en een ESG-statistiek (CO2e-reductie en veiligheid).
De onderstaande tabellen geven een overzicht van de op aandelen gebaseerde remuneratie aan de leden van het Uitvoerend Management, waaronder de belangrijkste kenmerken van elk plan.# Share-matching Plan
De onderstaande tabel toont het aantal aandelen dat door de vennootschap werd gematcht voor de leden van het Uitvoerend Management. In 2025 is er een ‘share‑matching’ door de vennootschap gebeurd met betrekking tot de persoonlijke participatie in aandelen in maart 2023, na de aanhoudingsperiode van drie jaar.
| Naam van het plan | Datum persoonlijke participatie | Einde aanhoudings -periode | Aantal persoonlijk aangekochte aandelen | Persoonlijk aangekochte aandelen in 2025 | Tegemoetkoming door de vennootschap in 2025 | Verbeurd voor tegemoetkoming |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Kerstin Artenberg - Chief Human Resources Officer | 31/3/2023 | 31/12/2025 | 561 | 561 | ||
| 31/3/2024 | 31/12/2026 | 809 | ||||
| 31/3/2025 | 31/12/2027 | 604 | ||||
| Juan Carlos Alonso - voormalig Chief Strategy Officer | 31/3/2023 | 31/12/2025 | 529 | 529 | ||
| Yves Kerstens - Gedelegeerd Bestuurder | 31/3/2023 | 31/12/2025 | 1 476 | 1 476 | ||
| 31/3/2024 | 31/12/2026 | 1 349 | ||||
| 31/3/2025 | 31/12/2027 | 1 426 | ||||
| François Desné - Divisie-CEO SWS en BBRG | 31/3/2023 | 31/12/2025 | 154 | 154 | ||
| Gunter Van Craen - Chief Digital & Information Officer | 31/3/2023 | 31/12/2025 | 343 | 343 | ||
| 31/3/2024 | 31/12/2026 | 608 | ||||
| 31/3/2025 | 31/12/2027 | 482 | ||||
| Annie Xu-Huhmann - voormalig Divisie-CEO RR | 31/3/2024 | 31/12/2026 | 952 | |||
| 31/3/2025 | 31/12/2027 | 746 | ||||
| Barry Snyder - Chief Operating Officer | 31/3/2024 | 31/12/2026 | 400 | |||
| 31/3/2025 | 31/12/2027 | 688 | ||||
| Seppo Parvi - Chief Financial Officer | 31/3/2025 | 31/12/2027 | 134 | |||
| Eric Peeters - Divisie-CEO Duurzaam Bouwen | 31/3/2025 | 31/12/2027 | 530 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 71 −
Vertrek van leden van het Uitvoerend Management
Op 31 maart 2025 verliet Juan Carlos Alonso, Chief Strategy Officer, het bedrijf na afloop van een opzegtermijn van 12 maanden.
Terugvorderingsrecht van de vennootschap
Alle variabele vergoedingen die worden uitbetaald, toegekend of verworven in het kader van het remuneratiebeleid zijn onderworpen aan malus en terugvordering. De Raad van Bestuur, handelend op aanbeveling van het NRC, heeft het recht om de toekenning aan te passen en om de uitbetalingen en toegekende of verworven aandelen geheel of gedeeltelijk terug te vorderen in geval van:
* een significante neerwaartse herziening van de financiële resultaten van Bekaert;
* een materiële inbreuk op de Gedragscode van Bekaert of ander nalevingsbeleid;
* een inbreuk op beperkende overeenkomsten waarmee het individu zich akkoord verklaard had tot naleving ervan;
* fraude, ernstig wangedrag of grove nalatigheid door het individu, wat resulteert in aanzienlijke verliezen of ernstige reputatieschade voor Bekaert.
De Raad van Bestuur heeft in 2025 geen gebruik gemaakt van dit recht.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 72 −
Remuneratie van het Uitvoerend Management in een bredere context
Het belangrijkste verschil in het remuneratiebeleid tussen het Uitvoerend Management en de werknemers in het algemeen is de balans tussen vaste en prestatiegebonden remuneratie zoals kortetermijn- en langetermijn-incentives. Over het algemeen is de verhouding tussen prestatiegebonden remuneratie, en met name de langetermijn-incentives, hoger voor leden van het Uitvoerend Management. Dit weerspiegelt dat de leden van het Uitvoerend Management meer handelingsvrijheid hebben en dat de gevolgen van hun beslissingen normaal gezien een breder en verregaander effect in de tijd hebben. De remuneratie voor de leden van het Uitvoerend Management is echter afgestemd op de remuneratiestructuren van de bredere groep werknemers:
* De managers van de Groep delen dezelfde scorekaart als de leden van het Uitvoerend Management voor het meten van de prestaties van de Groep en de divisies, wat invloed heeft op hun STI.
* Daarnaast ontvangen ongeveer 100 hogere kaderleden van de Groep 'performance share units' onder voorwaarden die vergelijkbaar zijn met de voorwaarden die gelden voor het Uitvoerend Management.
De verhouding tussen de remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder tot de laagste remuneratie van de werknemers van NV Bekaert SA in België bedraagt 33:1. Onderstaande tabel geeft de remuneratie weer van de leden van de Raad van Bestuur, het Uitvoerend Management, de gemiddelde remuneratie van andere werknemers (uitgedrukt in voltijdse equivalenten) en enkele belangrijke financiële bedrijfsgegevens over de laatste 5 kalenderjaren.
| 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Remuneratie | |||||
| Niet-uitvoerende Bestuurders | |||||
| Gemiddelde remuneratie (€) | 111 458 | 132 273 | 140 609 | 158 235 | 160 541 |
| Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%) | +7,2% | +18,7% | +6,3% | +12,5% | +1,5% |
| Gedelegeerd Bestuurder$^{1}$ | |||||
| Gemiddelde remuneratie (€) | 2 356 337 | 2 911 964 | 5 903 833 | 1 728 626 | 1 649 864 |
| Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%) | +92,3% | +23,6% | +102,7% | -70,7% | -4,6% |
| Uitvoerend Management | |||||
| Gemiddelde remuneratie (€) | 1 611 657 | 1 288 128 | 1 692 404 | 913 687 | 923 324 |
| Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%) | +91,9% | -20,1% | +31,4% | -46,0% | +1,1% |
| Overige medewerkers | |||||
| Gemiddelde remuneratie (€) | 87 727 | 88 402 | 98 471 | 103 638 | 104 538 |
| Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%) | +9,9% | +0,8% | +11,4% | +5,2% | +0,9% |
| Financiële bedrijfsgegevens | |||||
| EBITDA-onderliggend$^{2}$ | |||||
| Bedrag in miljoen € | 686 | 591 | 561 | 520 | 469 |
| Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%) | +43,2% | -13,8% | -5,1% | -7,3% | -9,8% |
| Omzet$^{2}$ | |||||
| Bedrag in miljoen € | 4 840 | 5 004 | 4 328 | 3 958 | 3 706 |
| Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%) | +28,3% | +3,4% | -13,5% | -8,6% | -6,4% |
| Werkkapitaal$^{2}$ | |||||
| Bedrag in miljoen € | 678 | 676 | 641 | 653 | 524 |
| Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%) | +26,6% | -0,3% | -5,2% | +1,9% | -19,8% |
| Koers |
Prestatiebeloningsplannen: Uitvoerend Management
| Naam van het plan | Prestatie- periode | Prestatiemaatstaven | Toekennings- datum | Verwervings- datum | Aantal toegekende performance share units | Aantal niet definitief verworven performance share units aan het begin van het jaar | Toegekend | Verbeurd/ vervallen | Verworven | Aantal niet definitief verworven performance share units aan het einde van het jaar |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Kerstin Artenberg - Chief Human Resources Officer | PSP 2022-2024 | 2022-2024 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom & TSR | 04/03/2022 | 31/12/2024 | 6 314 | 6 314 | 3 978 | |||
| PSP 2023-2025 | 2023-2025 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 10/03/2023 | 31/12/2025 | 7 296 | 7 296 | 5 034 | ||||
| PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 08/03/2024 | 31/12/2026 | 6 037 | 6 037 | 6 037 | ||||
| PSP 2025-2027 | 2025-2027 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 07/03/2025 | 31/12/2027 | 8 128 | 8 128 | 8 128 | ||||
| TOTAAL | 27 775 | 21 775 | 0 | 0 | 9 012 | 23 177 | ||||
| Juan Carlos Alonso - voormalig Chief Strategy Officer | PSP 2022-2024 | 2022-2024 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom & TSR | 04/03/2022 | 31/12/2024 | 5 956 | 5 956 | 3 752 | |||
| PSP 2023-2025 | 2023-2025 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 10/03/2023 | 31/12/2025 | 6 887 | 6 887 | 4 752 | ||||
| TOTAAL | 12 843 | 12 843 | 0 | 0 | 8 504 | 14 165 | ||||
| Yves Kerstens - Gedelegeerd Bestuurder | PSP 2022-2024 | 2022-2024 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom & TSR | 04/03/2022 | 31/12/2024 | 7 783 | 7 783 | 4 903 | |||
| PSP 2023-2025 | 2023-2025 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 10/03/2023 | 31/12/2025 | 8 988 | 8 988 | 6 202 | ||||
| PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 08/03/2024 | 31/12/2026 | 16 555 | 16 555 | 16 555 | ||||
| PSP 2025-2027 | 2025-2027 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 07/03/2025 | 31/12/2027 | 22 288 | 22 288 | 22 288 | ||||
| TOTAAL | 55 614 | 55 614 | 0 | 0 | 11 105 | 38 843 | ||||
| Eric Peeters - Divisie-CEO Sustainable Construction | PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 14/05/2024 | 31/12/2026 | 6 092 | 6 092 | 6 092 | |||
| PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 20/08/2024 | 31/12/2026 | 5 645 | 5 645 | 5 645 | ||||
| PSP 2025-2027 | 2025-2027 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 07/03/2025 | 31/12/2027 | 9 305 | 9 305 | 9 305 | ||||
| TOTAAL | 21 042 | 21 042 | 0 | 0 | 0 | 21 042 | ||||
| François Desné - Divisie-CEO SWS & BBRG | PSP 2022-2024 | 2022-2024 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom & TSR | 26/09/2022 | 31/12/2024 | 12 864 | 12 864 | 8 104 | |||
| PSP 2023-2025 | 2023-2025 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 10/03/2023 | 31/12/2025 | 7 967 | 7 967 | 5 497 | ||||
| PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 08/03/2024 | 31/12/2026 | 7 276 | 0 | 7 276 | 7 276 | |||
| PSP 2025-2027 | 2025-2027 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 07/03/2025 | 31/12/2027 | 9 795 | 9 795 | 9 795 | ||||
| TOTAAL | 37 902 | 30 626 | 7 276 | 0 | 13 601 | 34 301 | ||||
| Gunter Van Craen - Chief Digital & Information Officer | PSP 2022-2024 | 2022-2024 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom & TSR | 04/03/2022 | 31/12/2024 | 2 379 | 2 379 | 1 499 | |||
| PSP 2022-2024 | 2022-2024 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom & TSR | 25/08/2022 | 31/12/2024 | 1 926 | 1 926 | 1 213 | ||||
| PSP 2023-2025 | 2023-2025 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 10/03/2023 | 31/12/2025 | 6 115 | 6 115 | 4 219 | ||||
| PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 08/03/2024 | 31/12/2026 | 5 066 | 0 | 5 066 | 5 066 | |||
| PSP 2025-2027 | 2025-2027 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 07/03/2025 | 31/12/2027 | 6 820 | 6 820 | 6 820 | ||||
| TOTAAL | 22 306 | 17 240 | 5 066 | 0 | 6 931 | 25 375 | ||||
| Annie Xu-Huhmann-voormalig Divisie-CEO RR | PSP 2023-2025 | 2023-2025 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 10/03/2023 | 31/12/2025 | 9 264 | 9 264 | 6 392 | |||
| PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 08/03/2024 | 31/12/2026 | 7 663 | 7 663 | 7 663 | ||||
| PSP 2025-2027 | 2025-2027 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 07/03/2025 | 31/12/2027 | 10 317 | 10 317 | 10 317 | ||||
| TOTAAL | 27 244 | 27 244 | 0 | 0 | 6 392 | 34 269 | ||||
| Barry Snyder - Chief Operating Officer | PSP 2023-2025 | 2023-2025 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 22/08/2023 | 31/12/2025 | 3 495 | 3 495 | 2 412 | |||
| PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 08/03/2024 | 31/12/2026 | 6 548 | 0 | 6 548 | 6 548 | |||
| PSP 2025-2027 | 2025-2027 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 07/03/2025 | 31/12/2027 | 8 816 | 8 816 | 8 816 | ||||
| TOTAAL | 18 859 | 12 311 | 6 548 | 0 | 2 412 | 22 899 | ||||
| Seppo Parvi - Chief Financial Officer | PSP 2024-2026 | 2024-2026 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 25/11/2024 | 31/12/2026 | 9 826 | 9 826 | 9 826 | |||
| PSP 2025-2027 | 2025-2027 EBITDA Onderliggend, Cum. Kasstroom, TSR & ESG | 07/03/2025 | 31/12/2027 | 10 775 | 10 775 | 10 775 | ||||
| TOTAAL | 20 601 | 20 601 | 0 | 0 | 0 | 20 601 |
De 2022 en 2023 data werden herberekend omwille van de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Chili en Peru.
De totale remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders wordt in detail beschreven in sectie 3 van dit remuneratieverslag. Het wordt bepaald als een vaste vergoeding voor de uitvoering van de taken als Voorzitter en als lid van de Raad van Bestuur, en als een vaste vergoeding voor de uitvoering van de taken als een lid of Voorzitter van een Comité van de Raad van Bestuur. De remuneratie van het Uitvoerend Management bevat de vergoedingscomponenten zoals opgenomen in de vergoedingenstabellen van sectie 6 en 7 van dit remuneratieverslag. De jaarlijkse wijzigingen worden vooral beïnvloed door de jaarlijkse variabele verloning, alsook de verwerving van 'performance share units' die zijn gelinkt aan het resultaat van de onderneming en de prijs van het aandeel van een verworven performance share unit. De gemiddelde remuneratie van de andere werknemers van de onderneming is gebaseerd op het gemiddeld jaarlijks inkomen van alle werknemers van NV Bekaert SA in België, met uitzondering van de leden het Uitvoerend Management en senior management. Dit bruto jaarlijks inkomen bevat het basissalaris, de variabele verloning, de voordelen en 'performance share units' voor de kwalificerende managers. Jaarlijkse wijzigingen worden verklaard door de samenstelling van de werknemerspopulatie en worden beïnvloed door de jaarlijkse variabele vergoedingen, alsook door de verwerving van 'performance share units' die zijn gelinkt aan het resultaat van de onderneming en de prijs van het aandeel van een verworven performance share unit.
Afwijkingen van de procedures voor de uitvoering van het remuneratiebeleid
In 2025 waren er geen afwijkingen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 74 −
Aandelen
Het Bekaert-aandeel in 2025
Het Bekaert-aandeel deed het in 2025 4,0% beter dan de referentie-index, Euronext Brussels BEL-Mid, en steeg met +13,3% ten opzichte van de slotkoers bij jaareinde 2024.
Aandeelidentificatie
Het Bekaert-aandeel is genoteerd op Euronext Brussels als ISIN BE0974258874 (BEKB) en werd voor het eerst genoteerd in december 1972. De ICB-sectorcode is 2727 Diversified Industrials.
Aandelenprestatie
| 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Koers op 31 december (in €) | 38,48 | 36,45 | 21,06 | 26,50 | 27,16 | 39,14 | 36,28 | 46,52 | 33,46 | 37,90 |
| Hoogste koers (in €) | 42,45 | 49,92 | 40,90 | 28,26 | 28,50 | 42,56 | 45,60 | 46,72 | 50,35 | 40,30 |
| Laagste koers (in €) | 26,56 | 33,50 | 17,41 | 19,38 | 13,61 | 27,34 | 24,84 | 36,32 | 31,40 | 27,30 |
| Gemiddelde slotkoers (in €) | 37,06 | 42,05 | 28,21 | 23,96 | 19,95 | 36,33 | 34,02 | 41,56 | 40,30 | 35,67 |
| Dagelijks volume | 123 268 | 121 686 | 154 726 | 96 683 | 72 995 | 68 749 | 69 296 | 49 812 | 38 331 | 46 147 |
| Dagelijkse omzet (in miljoen €) | 4,5 | 5,0 | 4,4 | 2,3 | 1,5 | 2,5 | 2,4 | 2,1 | 1,5 | 1,6 |
| Jaarlijkse omzet (in miljoen €) | 1 147 | 1 279 | 1 121 | 592 | 386 | 641 | 615 | 528 | 392 | 416 |
| Omloopsnelheid (% jaarlijks) | 53 | 51 | 65 | 41 | 31 | 29 | 30 | 22 | 18 | 22 |
| Omloopsnelheid (% aangepaste free float) | 88 | 86 | 109 | 68 | 52 | 49 | 50 | 34 | 28 | 34 |
| Free float (%) | 59,2 | 59,6 | 59,3 | 59,3 | 59,5 | 58,7 | 55,6 | 60,3 | 60,1 | 58,7 |
Aandelenhandel
Het gemiddelde aantal dagelijks verhandelde aandelen was ongeveer 46 147 aandelen in 2025. Het volume bereikte een piek op 14 oktober toen 222 885 aandelen werden verhandeld. Op 31 december 2025 had Bekaert een marktkapitalisatie van € 1,9 miljard en een free float marktkapitalisatie van € 1,1 miljard. De free float was 58,7% en de free float band 65%.
Aandeelhouderschap en kennisgevingen
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de Transparantiewet) heeft Bekaert in zijn statuten de drempels van 3% en 7,50% ingesteld bovenop de wettelijke drempels van 5% en elk veelvoud van 5%. Een overzicht van de kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer, indien van toepassing, is te vinden in de sectie met informatie over de moedervennootschap van dit jaarverslag (Deelnemingen in het kapitaal). Op 8 december 2007 maakte de Stichting Administratiekantoor Bekaert overeenkomstig artikel 74 van de Wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen bekend dat zij op 1 september 2007 individueel meer dan 30% van de effecten met stemrechten van de vennootschap bezat. Op basis van recente analyses van de identificatie van aandeelhouders, transparantieverklaringen en bewegingen van eigen aandelen, bezaten de Stichting Administratiekantoor Bekaert en partijen die met haar in onderling overleg handelen op 31 december 2025 37,65% van de aandelen van Bekaert en vertegenwoordigden de eigen aandelen 3,61%. De resterende free float van ongeveer 59% was in handen van een combinatie van institutionele en particuliere beleggers.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 75 −
Kapitaalstructuur
Per 31 december 2025 bedroeg het kapitaal van de vennootschap € 159 782 000, vertegenwoordigd door 51 315 868 aandelen zonder vermelding van waarde. De aandelen zijn op naam of gedematerialiseerd. Alle aandelen hebben dezelfde rechten.
Toegestaan kapitaal
De Raad van Bestuur is gemachtigd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 25 februari 2025 om het kapitaal in één of meer malen te verhogen, onder meer door de uitgifte van converteerbare obligaties of inschrijvingsrechten, met een maximumbedrag (exclusief uitgiftepremie) van (i) € 79 891 000 voor kapitaalverhogingen met (al dan niet wettelijke) voorkeurrechten voor de aandeelhouders, en (ii) € 15 978 200 voor elke andere kapitaalverhoging. De machtiging is geldig voor een periode van vijf jaar vanaf de bekendmaking van deze machtiging.
Eigen aandelen, aandelenoptieplannen, 'performance share plan' en 'share-matching plan'
Op 31 december 2024 bezat Bekaert 2 235 087 eigen aandelen. Tussen 1 januari 2025 en 31 december 2025 werden in totaal 31 666 eigen aandelen overgedragen aan (voormalige) werknemers als gevolg van de uitoefening van aandelenopties onder SOP 2015-2017. In totaal werden 45 050 eigen aandelen overgedragen na de definitieve verwerving van 'performance share units' in het kader van het Bekaert 'Performance Share Plan'. Bekaert verkocht ook 3 922 aandelen aan leden van het Uitvoerend Management in het kader van het 'Personal Shareholding Requirement' en droeg 2 150 aandelen over aan leden van het Uitvoerend Management in het kader van het 'Share-matching Plan'. Een totaal van 22 774 aandelen werden toegekend aan de Voorzitter van de Raad van Bestuur en andere niet-uitvoerende Bestuurders als deel van hun vergoeding. Tijdens dezelfde periode kocht Bekaert 2 707 682 aandelen in en vernietigde 2 917 118 aandelen (zie hieronder). Met inbegrip van de verrichtingen in het kader van de liquiditeitsovereenkomst met Kepler Cheuvreux die startte op 1 juli 2024, bedroeg het saldo van de eigen aandelen gehouden door de vennootschap op 31 december 2025 1 850 137 (3,61% van het totale aandelenkapitaal).
Op 7 maart 2025 werden 155 815 'performance share units' (af te handelen in aandelen) toegekend. Daarnaast werden op 26 augustus 2025 14 980 'performance share units' (af te handelen in aandelen) toegekend aan startende of gepromoveerde managers. Elke 'performance share unit' geeft de begunstigde recht op een performance share aan de voorwaarden van het onderliggende 'Performance Share Plan'. Deze 'performance share units' zijn definitief verworven (‘gevest’) na afloop van een verwervingsperiode van drie jaar, mits het bereiken van vooropgestelde prestatiedoelen. De precieze mate waarin de 'performance share units' definitief verworven worden, is afhankelijk van het al dan niet bereiken van deze prestatiedoelen. Indien de vastgelegde minimumdrempel niet behaald wordt, dan is er geen enkele definitieve verwerving (‘vesting’). Bij het bereiken van deze minimumdrempel, zal 50% van de 'performance share units' definitief verworven worden; de volledige verwezenlijking van de overeengekomen prestatiedoelen zal leiden tot een ‘par vesting’ van 100% van de 'performance share units'; terwijl er bij uitzonderlijke prestatie een maximale definitieve verwerving zal zijn van 300% van de 'performance share units'. Detailgegevens omtrent kapitaal, aandelen, aandelenoptieplannen en performance share plannen zijn te vinden in het Financieel Overzicht (Toelichting 6.13 bij de geconsolideerde jaarrekening).
Aandeleninkoopprogramma's en liquiditeitsovereenkomst
Op 25 juni 2024 sloot Bekaert een nieuwe liquiditeitsovereenkomst met Kepler Cheuvreux. Deze liquiditeitsovereenkomst voorziet in de aankoop en verkoop van Bekaert-aandelen door Kepler Cheuvreux op de gereguleerde markt van Euronext Brussel, met als doel de liquiditeit van Bekaert-aandelen te ondersteunen. De liquiditeitsovereenkomst ging in op 1 juli 2024 voor een hernieuwbare periode van 12 maanden en werd in juli 2025 met nog eens 12 maanden verlengd. Om de liquiditeitsovereenkomst uit te voeren, stelde Bekaert € 3,5 miljoen ter beschikking aan Kepler Cheuvreux. Op 22 november 2024 kondigde Bekaert aan dat zijn Raad van Bestuur een nieuw aandeleninkoopprogramma had goedgekeurd voor een totaal bedrag van maximaal € 200 miljoen over een periode van maximaal 24 maanden, onder de machtiging verleend door Bekaerts Buitengewone Algemene Vergadering van 8 mei 2024. Het doel van het programma is om alle ingekochte aandelen te
Bekaert Jaarverslag 2025 − 76 −
vernietigen. Tussen 1 januari 2025 en 31 december 2025 kocht Bekaert 2 707 682 aandelen in overeenkomstig dit aandeleninkoopprogramma en vernietigde 2 917 118 aandelen.
Dividendbeleid
De Raad van Bestuur zal de op 13 mei 2026 te houden Gewone Algemene Vergadering voorstellen een brutodividend van € 1,95 per aandeel uit te keren, een stijging van 3% ten opzichte van vorig jaar.De Raad van Bestuur bevestigt het dividendbeleid, dat – onder voorbehoud van winstgevendheid – gericht is op een stabiel of groeiend dividend, terwijl een passend niveau van kasstromen in de vennootschap behouden blijft voor investeringen en zelf-financiering om toekomstige groei te ondersteunen. In de praktijk betekent dit dat de vennootschap ernaar streeft om op langere termijn een pay-outratio van ongeveer 40% aan te houden van het resultaat van de periode toerekenbaar aan de Groep.
| in € | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal brutodividend | 0,700 | 0,350 | 1,000 | 1,500 | 1,650 | 1,800 | 1,900 | 1.950¹ | |
| Nettodividend² | 0,490 | 0,245 | 0,700 | 1,050 | 1,155 | 1,260 | 1,330 | 1,365 | |
| Couponnummer | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 |
¹ Dividend onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2026.
² Onderhevig aan de toepasselijke belastingwetgeving.
Algemene Vergaderingen van Aandeelhouders 2025
De Gewone Algemene Vergadering werd gehouden op 14 mei 2025. Op 25 februari 2025 werd een Buitengewone Algemene Vergadering gehouden. De vergadering heeft de statuten gewijzigd en daarmee de Raad van Bestuur gemachtigd om het kapitaal te verhogen. De resoluties van de vergaderingen zijn beschikbaar op www.bekaert.com.
Investor Relations
Bekaert verbindt zich ertoe om duidelijke, tijdige en accurate informatie te verstrekken aan alle financiële stakeholders. Het Investor Relations-team van Bekaert staat klaar om informatie en updates te delen over de strategie, zakelijke vooruitzichten, financiële prestaties en duurzaamheidsvoortgang van het bedrijf. Belangrijke informatie is te vinden in de sectie Investor Relations op de website www.bekaert.com/investors.
Relevante elementen bij een openbaar overnamebod
Beperkingen van de overdracht van effecten
De statuten bevatten geen beperkingen inzake de overdraagbaarheid van de Bekaert-aandelen, behoudens ingeval van controlewijziging, voor dewelke conform artikel 9 van de statuten de voorafgaande goedkeuring van de Raad van Bestuur moet worden aangevraagd. Voor het overige zijn de aandelen vrij overdraagbaar. De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige wettelijke beperking op de overdracht van aandelen in hoofde van enige aandeelhouder.
Beperkingen van de uitoefening van het stemrecht
Volgens de statuten geeft elk aandeel de houder het recht op één stem. De statuten bevatten geen beperkingen van het stemrecht en iedere aandeelhouder kan zijn stemrecht uitoefenen op voorwaarde Bekaert Jaarverslag 2025 − 77 − dat hij geldig werd toegelaten tot de Algemene Vergadering en dat zijn rechten niet werden geschorst. De regels inzake de toelating tot de Algemene Vergadering zijn opgenomen in het WVV en in de statuten. Krachtens de statuten kan de vennootschap de uitoefening schorsen van rechten verbonden aan effecten die toebehoren aan verscheidene eigenaars. Niemand kan op een Algemene Vergadering van Aandeelhouders aan een stemming deelnemen voor stemrechten die verbonden zijn aan effecten waarvan hij/zij niet krachtens de wet tijdig kennis heeft gegeven. De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige andere wettelijke beperking inzake de uitoefening van het stemrecht.
Aandeelhoudersovereenkomsten
De Raad van Bestuur heeft geen kennis van aandeelhoudersovereenkomsten die aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdracht van effecten of van de uitoefening van het stemrecht, behalve die welke zijn vermeld in de kennisgevingen die zijn opgenomen in het hoofdstuk ‘Informatie met betrekking tot de moedervennootschap’ (deelnemingen in het kapitaal).
Benoeming en vervanging van Bestuurders
De statuten en het CG Charter bevatten specifieke regels inzake de (her)benoeming, vorming en evaluatie van Bestuurders. De Bestuurders worden voor een maximale duur van vier jaar door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd, die hen ook te allen tijde kan ontslaan. Een besluit tot benoeming of ontslag behoeft de gewone meerderheid van de stemmen. De kandidaten voor de opdracht van Bestuurder, die deze opdracht nog niet vervuld hebben binnen de vennootschap, moeten ten laatste twee maanden vóór de Gewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur op de hoogte brengen van hun kandidatuur. Enkel wanneer een plaats van Bestuurder vroegtijdig openvalt, kunnen de overblijvende Bestuurders zelf een nieuwe Bestuurder benoemen (coöpteren). In dat geval zal de eerstvolgende Algemene Vergadering de definitieve benoeming doen. Het benoemingsproces voor Bestuurders wordt geleid door het Benoemings- en Remuneratiecomité, dat een gemotiveerde aanbeveling doet aan de voltallige Raad van Bestuur. Op basis van deze aanbeveling besluit de Raad van Bestuur welke kandidaten aan de Algemene Vergadering voor benoeming zullen worden voorgedragen. Bestuurders zijn in de regel herbenoembaar voor een onbeperkt aantal termijnen, met dien verstande dat Bestuurders ten tijde van hun initiële benoeming niet jonger mogen zijn dan 30 jaar en niet ouder dan 66 jaar. Ze moeten ontslag nemen in het jaar waarin zij de leeftijd van 69 jaar bereiken.
Wijziging van de statuten
De statuten kunnen door een Buitengewone Algemene Vergadering worden gewijzigd conform het WVV. Elke wijziging van de statuten vereist een quorum van ten minste 50% van het kapitaal (indien niet aan het quorum wordt voldaan, moet een tweede vergadering met dezelfde agenda worden bijeengeroepen, waarvoor geen quorumvereiste van toepassing is) en een gekwalificeerde meerderheid van 75% van de stemmen die tijdens de vergadering worden uitgebracht (een meerderheid van 80% is van toepassing op wijzigingen van het voorwerp of de doelen van de vennootschap).
Bevoegdheid van de Raad van Bestuur om aandelen uit te geven, te verwerven, te vernietigen en over te dragen
De Raad van Bestuur is op grond van artikel 41 van de statuten gemachtigd om het kapitaal in één of meer malen te verhogen, onder meer door de uitgifte van converteerbare obligaties of inschrijvingsrechten, met een maximumbedrag (exclusief uitgiftepremie) van (i) € 79 891 000 voor kapitaalverhogingen met (al dan niet wettelijke) voorkeurrechten voor de aandeelhouders, en (ii) € 15 978 200 voor elke andere kapitaalverhoging. De machtiging is geldig voor een periode van vijf jaar vanaf de bekendmaking van deze machtiging die op 25 februari 2025 is verleend. De Raad van Bestuur is op grond van artikel 10 van de statuten gemachtigd om, met inachtneming van de toepasselijke wettelijke voorwaarden, eigen aandelen en certificaten die daarop betrekking hebben, te verkrijgen en in pand te nemen of om in te schrijven op certificaten na de uitgifte van de daarmee overeenstemmende aandelen, zonder dat het totale aantal eigen aandelen en certificaten die daarop Bekaert Jaarverslag 2025 − 78 − betrekking hebben (waarbij elk certificaat wordt meegeteld in verhouding tot het aantal aandelen waarop het betrekking heeft) dat de vennootschap in toepassing van deze machtiging bezit of in pand heeft 20% van het totale aantal aandelen mag overschrijden, tegen een vergoeding van minstens € 1,00 en hoogstens 30% boven het rekenkundig gemiddelde van de slotkoers van het aandeel van de vennootschap gedurende de laatste dertig beursdagen vóór het besluit van de Raad van Bestuur tot verkrijging respectievelijk inpandneming. Deze machtiging is toegekend voor een periode van vijf jaar te rekenen vanaf de bekendmaking van 17 mei 2024. De hierboven uiteengezette machtiging doet geen afbreuk aan de mogelijkheden, overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen, voor de Raad van Bestuur om eigen aandelen en certificaten die daarop betrekking hebben, te verkrijgen of in pand te nemen of in te schrijven op certificaten na de uitgifte van de daarmee overeenstemmende aandelen indien daartoe geen statutaire machtiging of machtiging van de Algemene Vergadering vereist is. De Raad van Bestuur is op grond van artikel 10 van de statuten gemachtigd om eigen aandelen of certificaten die daarop betrekking hebben, te vernietigen. De vennootschap kan eigen aandelen, winstbewijzen of certificaten die daarop betrekking hebben, slechts vervreemden met inachtneming van de toepasselijke wettelijke voorwaarden. De Raad van Bestuur is gemachtigd door artikel 11 van de statuten om eigen aandelen, winstbewijzen of certificaten die daarop betrekking hebben over te dragen aan een of meer bepaalde personen, al dan niet personeel. De hierboven uiteengezette machtigingen doen geen afbreuk aan de mogelijkheden, overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen, voor de Raad van Bestuur om eigen aandelen, winstbewijzen en certificaten die erop betrekking hebben, te vervreemden indien daartoe geen statutaire machtiging of machtiging van de Algemene Vergadering vereist is. De bevoegdheden van de Raad van Bestuur zijn in detail beschreven in de toepasselijke wettelijke bepalingen terzake, de statuten en het CG Charter.
Wijziging van controle
De vennootschap is partij bij een aantal belangrijke overeenkomsten die in werking treden, wijzigingen ondergaan of aflopen in geval van een wijziging van controle over de vennootschap, al dan niet na een openbaar overnamebod.In de mate waarin op grond van deze overeenkomsten aan derden rechten worden toegekend die een aanzienlijke invloed hebben op het vermogen van de vennootschap, dan wel een aanzienlijke schuld of verplichting te haren laste doen ontstaan, werden deze rechten, conform artikel 7:151 van het WVV, goedgekeurd door de Bijzondere Algemene Vergaderingen van 13 april 2006, 16 april 2008, 15 april 2009, 14 april 2010 en 7 april 2011 en door de Gewone Algemene Vergaderingen van 9 mei 2012, 8 mei 2013, 14 mei 2014, 13 mei 2015, 11 mei 2016, 10 mei 2017, 9 mei 2018, 8 mei 2019, 13 mei 2020, 12 mei 2021, 10 mei 2023, 8 mei 2024 en 14 mei 2025; de notulen van deze vergaderingen werden neergelegd bij de griffie van de rechtbank van koophandel van Gent, afdeling Kortrijk op 14 april 2006, 18 april 2008, 17 april 2009, 16 april 2010, 15 april 2011, 30 mei 2012, 23 mei 2013, 20 juni 2014, 19 mei 2015, 18 mei 2016, 2 juni 2017, 7 februari 2019, 23 mei 2019, 23 juni 2020, 24 juni 2021, 20 februari 2024, 2 juli 2024 en 20 juni 2025 respectievelijk en zijn beschikbaar op www.bekaert.com. Het betreft in hoofdzaak joint venture-overeenkomsten (die de relaties tussen partijen in het kader van een gemeenschappelijke dochtervennootschap omschrijven), overeenkomsten waarbij door financiële instellingen, particuliere investeerders of andere investeerders geldmiddelen ter beschikking van de vennootschap of van één van haar dochtervennootschappen worden gesteld, en overeenkomsten tot levering van goederen of diensten door of aan de vennootschap. Elk van deze overeenkomsten bevat clausules die, ingeval van wijziging van de controle van de vennootschap, de wederpartij in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden het recht verlenen om de overeenkomst vervroegd te beëindigen, en in het geval van een financiële overeenkomst tevens de vervroegde terugbetaling van de ter beschikking gestelde geldmiddelen te eisen. In het geval van jointventure-overeenkomsten wordt voorzien dat, in het geval van controlewijziging van de vennootschap, de wederpartij de participatie van de vennootschap in de joint venture kan verwerven (met uitzondering van de Chinese vennootschappen, waarbij partijen in overleg dienen te bepalen of een partij de joint venture alleen voortzet, waarna deze de participatie van de andere partij moet kopen), waarbij de waarde tegen dewelke de participatie alsdan is over te dragen wordt bepaald in functie van contractuele formules die beogen een overdracht tegen een arm’s length prijs te verzekeren.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 79 −
Overige elementen
- De vennootschap heeft geen effecten uitgegeven waaraan bijzondere zeggenschapsrechten verbonden zijn.
- De zeggenschapsrechten verbonden aan de door de werknemers ingevolge de langetermijn-incentive- plannen te verwerven aandelen worden rechtstreeks door de betrokken werknemers uitgeoefend.
- Tussen de vennootschap en haar Bestuurders of werknemers zijn geen overeenkomsten gesloten die in vergoedingen voorzien wanneer, naar aanleiding van een openbaar overnamebod, de Bestuurders ontslag nemen of zonder geldige reden moeten afvloeien of de tewerkstelling van de werknemers beëindigd wordt.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 80 −
Controle en ERM
Interne controle- en risicobeheerssystemen in verband met het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening
De volgende beschrijving van Bekaerts interne controle en risicobeheerssystemen is gebaseerd op het 'Internal Control Integrated Framework' (1992) en het 'Enterprise Risk Management Framework' (2004), gepubliceerd door het Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission (COSO). De Raad van Bestuur heeft een kader goedgekeurd voor interne controle en risicobeheer voor de vennootschap en de Groep dat werd opgesteld door het Uitvoerend Management, en controleert de implementatie daarvan. Het Audit, Risk en Finance Comité controleert de doeltreffendheid van de interne controle- en risicobeheersingssystemen, om ervoor te zorgen dat de belangrijkste risico’s correct worden geïdentificeerd, beheerd en bekendgemaakt volgens het door de Raad van Bestuur aangenomen kader. Het Audit, Risk en Finance Comité doet ook aanbevelingen aan de Raad van Bestuur in dit opzicht.
Controleomgeving
De lokale Financial Controller is verantwoordelijk voor de jaarrekening van de juridische entiteit en de afdeling Group Finance is verantwoordelijk voor de eindcontrole van de financiële informatie van de verschillende juridische entiteiten en voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening. De afdeling Interne Audit voert een risicogebaseerd programma uit om de doeltreffendheid van de interne controle in de verschillende processen te valideren op entiteits-, regionaal en groepsniveau, en een betrouwbare financiële rapportering te verzekeren. De geconsolideerde jaarrekening van Bekaert is opgemaakt in overeenstemming met de 'International Financial Reporting Standards' (IFRS), onderschreven door de Europese Unie. Die jaarrekening is eveneens conform de IFRS uitgegeven door de 'International Accounting Standards Board'. Alle IFRS-boekhoudnormen, -richtlijnen en -interpretaties, toe te passen door alle juridische entiteiten, zijn opgenomen in het handboek Bekaert Accounting Manual, dat voor alle werknemers die betrokken zijn bij de financiële rapportering beschikbaar is op het intranet van Bekaert. Dit handboek wordt regelmatig aangepast door Group Finance ingeval van relevante wijzigingen in IFRS, of interpretaties ervan, en de gebruikers worden van elke dergelijke wijziging op de hoogte gebracht. IFRS-opleidingen vinden plaats in de verschillende regio’s wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt. De interne controle- en risicobeheerssystemen voor de statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA zijn vergelijkbaar met de interne controle- en risicobeheerssystemen van de geconsolideerde jaarrekening. De meeste vennootschappen van de Groep gebruiken het globale ERP-systeem (Enterprise Resource Planning) van Bekaert; de boekhoudkundige transacties worden ingeboekt in een uniform rekeningenstelsel, waarbij boekhoudkundige manuals de standaardmanier van boeken voor de meest relevante transacties beschrijven. Deze boekhoudkundige manuals worden aan de gebruikers toegelicht tijdens opleidingssessies en zijn beschikbaar op het intranet van Bekaert. Alle vennootschappen van de Groep gebruiken dezelfde software om de financiële gegevens te rapporteren voor consolidatie- en externe rapporteringsdoeleinden. Een rapporterings-manual is beschikbaar op het intranet van Bekaert en trainingen vinden plaats wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.
Risicobeheer
Er worden passende maatregelen genomen om een tijdige en kwalitatieve rapportering te garanderen en om de potentiële risico's in verband met het financiële rapporteringsproces te beperken, waaronder: (i) een goede coördinatie tussen de afdelingen Investor Relations, ESG-rapportering en Group Finance, (ii) een zorgvuldige planning van alle activiteiten, waaronder de eigenaren en tijdschema's, (iii) richtlijnen verdeeld door Group Finance aan de verantwoordelijken voorafgaand aan de kwartaalrapportering, met
Bekaert Jaarverslag 2025 − 81 −
inbegrip van relevante aandachtspunten en (iv) opvolging en terugkoppeling van de stiptheid, kwaliteit en aandachtspunten om te streven naar continue verbetering. Materiële wijzigingen aan de IFRS-boekhoudnormen worden gecoördineerd door Group Finance, nagezien door de commissaris, gerapporteerd aan het Audit, Risk en Finance Comité en gemeld aan de Raad van Bestuur. Materiële wijzigingen aan de statutaire boekhoudnormen van een vennootschap van de Groep worden goedgekeurd door diens Raad van Bestuur.
Controleactiviteiten
De correcte toepassing van de boekhoudnormen door de juridische entiteiten zoals beschreven in de boekhoudkundige manual van Bekaert, zowel als de juistheid, de consistentie en de volledigheid van de gerapporteerde informatie, worden op een permanente basis nagezien door de finance-organisatie (zoals hierboven omschreven). Bijkomend worden alle relevante entiteiten op periodieke basis gecontroleerd door de afdeling Interne Audit. Voor de meest belangrijke onderliggende processen (verkoop, aankoop, investeringen, thesaurie, enz.) bestaan er richtlijnen en procedures. In het ERP-systeem wordt nauw toezicht gehouden op mogelijke conflicten met betrekking tot scheiding van verantwoordelijkheden.
Informatie en communicatie
Bekaert heeft in de meeste vennootschappen van de Groep een globaal ERP-systeemplatform ingevoerd om de efficiënte verwerking van transacties te ondersteunen en het management te voorzien van transparante en betrouwbare informatie om de operationele activiteiten te beheren, te controleren en te sturen. De voorziening van diensten van informatie-technologie om deze systemen te laten lopen, te onderhouden en te ontwikkelen, is in grote mate uitbesteed aan professionele toeleveranciers van IT-diensten die gestuurd en gecontroleerd worden door geschikte IT-controlestructuren en waarvan de kwaliteit bewaakt wordt door uitgebreide dienstverleningscontracten. Samen met IT-leveranciers heeft Bekaert adequate managementprocessen geïmplementeerd om te verzekeren dat geschikte maatregelen op dagelijkse basis getroffen worden om de prestaties, de beschikbaarheid en de integriteit van de IT-systemen te behouden. Op regelmatige ogenblikken wordt de geschiktheid van deze procedures nagetrokken en geauditeerd en waar nodig verder geoptimaliseerd. Gepaste toewijzing van verantwoordelijkheden, en coördinatie tussen de betrokken afdelingen, verzekeren een efficiënt en stipt communicatieproces van periodieke financiële informatie naar de markt. Voor het eerste en het derde kwartaal wordt een trading update gepubliceerd, terwijl alle relevante financiële informatie op halfjaarlijkse en op jaarlijkse basis wordt bekendgemaakt.Vóór de externe rapportering is de omzet- en financiële informatie onderhevig aan (i) gepaste controles door de bovenvermelde controleorganisatie, (ii) nazicht door het Audit, Risk en Finance Comité, en (iii) goedkeuring door de Raad van Bestuur van de vennootschap.
Opvolging
Elke beduidende wijziging aan de IFRS-boekhoudnormen die door Bekaert toegepast worden, wordt onderworpen aan nazicht door het Audit, Risk en Finance Comité en goedkeuring door de Raad van Bestuur van de onderneming. De leden van de Raad van Bestuur worden op periodieke basis op de hoogte gehouden van de evolutie en belangrijke wijzigingen in de onderliggende IFRS-standaarden. Alle relevante financiële informatie wordt toegelicht aan het Audit, Risk en Finance Comité en de Raad van Bestuur om hen in staat te stellen de jaarrekening te analyseren. Alle gerelateerde persberichten worden goedgekeurd voorafgaand aan hun verspreiding naar de markt. Relevante bevindingen van de afdeling Interne Audit en/of de Commissaris in verband met de toepassing van de boekhoudnormen, alsook van de richtlijnen en procedures, en scheiding van verantwoordelijkheden worden gerapporteerd aan het Audit, Risk en Finance Comité. Er wordt ook een periodieke thesaurie-update voorgelegd aan het Audit, Risk en Finance Comité.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 82 −
Er is een procedure van kracht om het gepaste bestuursorgaan van de Groep op korte termijn samen te roepen wanneer de omstandigheden het nodig achten.
Algemene interne controle en ERM
De Raad van Bestuur heeft de Bekaert Gedragscode goedgekeurd, die voor het eerst uitgegeven werd op 1 december 2004 en in juli 2025 voor het laatst werd aangepast. De Gedragscode bepaalt de Bekaert- missie en -waarden, evenals de basisprincipes van hoe Bekaert zaken wenst te doen. Implementatie van de Gedragscode is verplicht voor alle dochtervennootschappen van de Groep en alle kaderleden en bedienden vernieuwen jaarlijks hun engagement. De procedure voor het melden van integriteitskwesties (klokkenluidersregeling) versterkt en ondersteunt de implementatie ervan. De Gedragscode maakt als Appendix 3 deel uit van het Bekaert Corporate Governance Charter en is beschikbaar op www.bekaert.com. Daarnaast volgen het hoger management plus specifieke functionele teams een governance-training en zijn ze verplicht om mogelijke bezorgdheden over de integriteit van de financiële en ESG-verklaring van de onderneming te melden, als sub-certificatie van de 'verklaring van de verantwoordelijke personen' in het jaarverslag. Meer gedetailleerde beleidsplannen en richtlijnen worden indien nodig opgemaakt om de consistente toepassing van de Gedragscode over de hele Groep te verzekeren.
Bekaerts interne controlemodel bestaat uit een reeks groepsprocedures voor de algemene bedrijfsprocessen en is wereldwijd van toepassing. Bekaert heeft diverse middelen om de effectiviteit en efficiëntie van het ontwerp en de werking van het interne controlemodel constant te bewaken. De afdeling Interne Audit en Risicobeheer ziet toe op de interne controle en risico’s op basis van een algemeen kader en brengt op elke vergadering verslag uit aan het Audit, Risk en Finance Comité. De afdeling Compliance brengt op elke vergadering van het Audit, Risk en Finance Comité verslag uit over compliance aangelegenheden. Het Uitvoerend Management evalueert regelmatig de blootstelling van de Groep aan risico’s, de potentiële financiële impact hiervan en de acties om de blootstelling te beheren, beperken en controleren. Op verzoek van de Raad van Bestuur en het Audit, Risk en Finance Comité heeft het management een kader voor permanent globaal enterprise risk management (ERM) ontwikkeld.
Een globale aanpak
Bekaerts Enterprise Risk Management (ERM) aanpak is geïntegreerd in de strategie van de onderneming en in de daaruit voortvloeiende beslissingen en activiteiten die de implementatie ervan sturen. Dit permanent ERM-kader helpt onzekerheden in Bekaerts waardecreatiemodel beheren. Het draagt ook bij tot het behalen van de doelstellingen van de onderneming, zowel financiële als niet-financiële, en het naleven van wetten en regels en het naleven van de Bekaert Gedragscode. Het kader bestaat uit de identificatie, beoordeling en de prioritisering van de belangrijkste risico’s waarmee Bekaert geconfronteerd wordt en van de voortdurende rapportering en controle van die belangrijke risico’s (waaronder de ontwikkeling en implementatie van risicobeperkende plannen). De risico’s worden geïdentificeerd in zeven risicocategorieën: strategische risico’s, risico’s betreffende mensen/organisatie, operationele risico’s, juridische/compliance risico’s, financiële risico’s, corporate risico’s en geopolitieke/landspecifieke risico’s.
De geïdentificeerde risico’s worden geclassificeerd op twee assen: waarschijnlijkheid en impact of gevolg. Om de impact en waarschijnlijkheid te beoordelen gebruiken we de volgende risicomatrix.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 83 −
| Waarschijnlijkheid | Impact |
|---|---|
| Zeer laag | Wordt niet verwacht, maar kan in zeer uitzonderlijke omstandigheden voorkomen – Zeer beperkt Geen verlies van vertrouwen bij belangrijke belanghebbenden |
| Laag | Wordt niet verwacht, maar kan in uitzonderlijke omstandigheden voorkomen Minder dan €1 mln Gering verlies van vertrouwen bij de voornaamste belanghebbenden |
| Gemiddeld | Kleine kans dat de gebeurtenis zich voordoet Tussen €1 mln - €10 mln Matig verlies van vertrouwen bij de belangrijkste belanghebbenden |
| Hoog | Redelijke verwachting dat de gebeurtenis zich voordoet Tussen €10 mln - €50 mln Matig verlies van vertrouwen bij de belangrijkste belanghebbenden |
| Zeer hoog | Hoge verwachting dat de gebeurtenis zich voordoet Meer dan €50 mln Aanzienlijk verlies van vertrouwen bij de voornaamste belanghebbenden |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 84 −
Er worden beslissingen genomen en actieplannen bepaald om de geïdentificeerde risico’s te beperken. Ook de evolutie van de risico-gevoeligheid (afname, toename, stabiel) wordt geëvalueerd. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de voornaamste risico's van Bekaert en de bijhorende mitigerende maatregelen, maar vormt geen volledige lijst. Andere risico's, die momenteel niet zijn geïdentificeerd of niet als significant worden beschouwd, kunnen eveneens een impact hebben op de prestaties van het bedrijf.
| Risico | Trend | Beperkende maatregelen |
|---|---|---|
| Strategisch risico / Corporate | ||
| Niet behalen van verwachte groei en rendement | De bedrijfsstrategie omvat zowel organische uitbreidingsinvesteringen als een anorganische groeistrategie. Anorganische groei via fusies en overnames brengt het risico met zich mee dat activiteiten worden overgenomen of gefuseerd die mogelijk niet passen bij de strategie of waarbij de activiteiten mogelijk niet voldoen aan de oorspronkelijke aannames van de business case, rekening houdend met het feit dat dergelijke projecten doorgaans groter van omvang zijn en dus een hoger risicopotentieel inhouden als de verwachte rendementen niet worden behaald. Tegelijkertijd zijn organische uitbreidingsinvesteringen onderhevig aan het risico van vertraging en kostenoverschrijdingen ten gevolge van onvoorziene hinder en als zodanig is het mogelijk dat de verwachte rendementen niet binnen de beoogde termijn worden gehaald. Grote investeringen die vertraging oplopen bij het genereren van de verwachte rendementen, kunnen ook de kaspositie en de financieringskosten beïnvloeden. Het niet bereiken van de strategische voordelen die ten grondslag liggen aan de bedrijfsstrategie kan een negatieve invloed hebben op de activiteiten en de verwachte financiële en operationele resultaten. | |
| Technologie en innovatieve oplossingen | Impactvolle technologische veranderingen en toegenomen concurrentie in dit opzicht in combinatie met goedkope concurrentie kunnen gevolgen hebben voor sectoren die relevant zijn voor Bekaert, zoals de mobiliteits-, energie- en nutsvoorzieningen en de mijnbouw-, bouw- en infrastructuursector. Bekaert is ook onderhevig aan onzekere marktgroei in sectoren zoals groene energie, wat een negatieve invloed kan hebben op de groeistrategie en de uitvoering daarvan. Zo is de groei in de markt voor groene waterstofproductie aanzienlijk vertraagd door onzekerheden rond het beleid en de financiering van de waterstofindustrie. Bekaert let er ook op dat het geen inbreuk maakt op eigendomsrechten van derden wanneer het nieuwe producten op de markt brengt. | |
| Niet behalen van duurzaamheidsdoelstellingen | Ondermaatse prestaties inzake duurzaamheidsdoelstellingen kunnen ook reputatieschade veroorzaken en Bekaerts positie als voorkeurspartner van klanten en investeerders aantasten. |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 85 −
Risico
Trend
| Beperkende maatregelen | HR gerelateerde risico's | HR gerelateerde risico's |
|---|---|---|
| De concurrerende arbeidsmarkt kan leiden tot tekorten aan specifiek talent, vooral in regio's waar de talentenpool beperkt is en waar onze kantoren en fabrieken zich in afgelegen gebieden bevinden. Deze situatie kan leiden tot kosteninflatie of de bedrijfscontinuïteit verstoren. | Bekaert heeft een kader van strategische talentpools geïmplementeerd en een vaardigheidskloofanalyse uitgevoerd met betrekking tot de belangrijkste capaciteiten die de onderneming wil ontwikkelen. Voor de kritische functiefamilies wordt regelmatig een benchmarkstudie inzake verloning en voordelen uitgevoerd. Talentacquisitie en leiderschapsprogramma's blijven topprioriteiten. Initiatieven en doelstellingen op het gebied van diversiteit en inclusie zijn ingevoerd om prestaties structureel te verbeteren en een inclusieve werkplekcultuur te bevorderen. |
Operationeel risico
Risico van de toeleveringsketen
Bekaert wordt blootgesteld aan de risico's van voortdurende veranderingen in het handelsbeleid wereldwijd en door handelsspanningen tussen bepaalde landen en regio's. Bekaert wordt ook geconfronteerd met mogelijke verstoringen van de toeleveringsketen door insolventie van belangrijke leveranciers, tekorten aan grondstoffen en logistieke diensten. Een verhoogde afhankelijkheid van bronnen kan leiden tot veranderingen in de toeleveringsketen, hogere grondstofprijzen en kan bijgevolg een impact hebben op de bedrijfsactiviteiten en de winstgevendheid van Bekaert.
Bekaerts wereldwijde aanwezigheid vermindert het risico van bronafhankelijkheid en een gebrek aan alternatieven om zijn bedrijfsactiviteiten voort te zetten, indien één bron niet levert of te duur wordt. Een proactief risicobeheer voor leveranciers minimaliseert zowel de waarschijnlijkheid als de impact van mogelijke verstoringen. Vroegtijdige beoordeling van wijzigingen in de regelgeving en het opstellen van actieplannen maken effectief risicobeheer mogelijk. Als onderdeel van het streven van de Groep naar prijsdiscipline blijft het doorrekenen van de kosteninflatie via de verkoopprijzen een belangrijke prioriteit om de winstgevendheid te vrijwaren.
Milieuwetten
Bekaert is onderworpen aan milieuwetten en - regelgevingen, die overal ter wereld strenger worden. Veranderingen in het beleid kunnen de milieuverplichtingen van het bedrijf verhogen of kunnen proceswijzigingen vereisen om aan de strengere regelgeving te voldoen. Preventie en risicobeheer staan centraal in het milieubeleid van Bekaert. Dit omvat maatregelen tegen bodem- en grondwaterverontreiniging, verantwoord gebruik van water en wereldwijde ISO14001-certificering. Bekaerts wereldwijde procedure voor voorzorgsmaatregelen tegen bodem- en grondwaterverontreiniging (ProSoil) wordt continu opgevolgd in relatie tot regelgeving, ISO-certificering, best practices en effectieve implementatie. Daarnaast brengt het bedrijf nieuwe of veranderende wetgeving in kaart om potentiële hiaten te identificeren en ontwikkelt het stappenplannen om deze hiaten aan te pakken.
Cyberveiligheidsrisico
Aangezien Bekaerts operationele activiteiten afhankelijk zijn van IT-systemen die ontwikkeld en onderhouden worden door interne en externe experts zoals SAP en MES, kan een cyberaanval op kritieke IT- systemen de bedrijfscontinuïteit van het bedrijf verstoren en haar winstgevendheid negatief beïnvloeden. Het kan ook risico's met zich meebrengen in verband met de privacy en vertrouwelijkheid van gegevens. Door het werken op afstand is het aantal eindpunten en verbindingskanalen toegenomen. De toenemende ontwikkeling of het toenemende gebruik van AI kan het risico op gegevenslekken vergroten, wat kan leiden tot financieel verlies of reputatieschade.
Bekaert implementeerde afgelopen jaren een uitgebreide roadmap voor cyberbeveiliging om het risico te beperken en de veiligheid van onze activa en gegevens te verzekeren. Dit omvat het opzetten van een governance model voor beveiligingsbeheer, voortdurende verbeteringen van onze cyberbeveiligingsoplossingen en een focus op het verbeteren van onze respons- en herstelcapaciteiten. We hebben ook geïnvesteerd in next-generation threat management om het evoluerende cyberbeveiligingslandschap voor te blijven. Deze inspanningen dienen om de voortdurende bescherming van onze onderneming en stakeholders te verzekeren.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 86 −
Risico
Trend
| Beperkende maatregelen | Juridisch / naleving | Reglementaire en compliance-risico's |
|---|---|---|
| Als wereldwijde onderneming is Bekaert onderworpen aan vele wetten en regels in alle landen waar zij actief is of zaken doet. Deze wetten en reglementen worden complexer en strenger en veranderen sneller en vaker dan vroeger. Deze talrijke wetten en reglementen omvatten onder meer vereisten inzake gegevensprivacy (zoals de Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming en de California Consumer Privacy Act), wetten inzake intellectuele eigendom, wetten inzake arbeidsverhoudingen, belastingwetten, anti-concurrentieregels, import- en handelsbeperkingen (bijvoorbeeld het handelsbeleid in de VS en de EU), beurstransactiewetten, anti- omkoping en anti-corruptieregels, gezondheids- en veiligheidsvoorschriften. Compliance-acties kunnen extra kosten of kapitaaluitgaven vergen, hetgeen de winstresultaten van de groep negatief kan beïnvloeden. Gezien de hoge mate van complexiteit van deze wetten bestaat bovendien het risico dat Bekaert onopzettelijk niet (tijdig) aan de wetgeving voldoet. Inbreuken kunnen leiden tot boetes, strafrechtelijke sancties, stopzetting van bedrijfsactiviteiten en een reputatierisico. | De Bekaert Gedragscode heeft een klokkenluidersprocedure, en alle managers en bedienden in loondienst wereldwijd verbinden zich jaarlijks tot de Code na een verplichte test. De onderneming heeft ook een ABC-, sanctie-, anti-kartel- en veiligheidsnormenbeleid. De onderneming organiseert regelmatig opleidingen over anti- omkoping, anti-trust, veiligheid en andere juridische zaken. Bekaert stuurt de naleving van wet- en regelgeving via een Compliance Committee dat de nodige acties opvolgt en beheert om naleving te verzekeren. Daarnaast zijn meer dan 195 managers (hoger management plus specifieke functionele teams) verplicht om mogelijke bezorgdheden over de integriteit van de financiële en ESG- verklaringen van de onderneming te melden, als subcertificatie stap van de 'verklaring van de verantwoordelijke personen' in het jaarverslag. |
Risico inzake intellectuele eigendom
Lekken in intellectuele eigendom kunnen Bekaert schaden en de concurrentie helpen, zowel op het vlak van productontwikkeling, procesinnovatie als machinebouw. Bekaert kan niet garanderen dat haar intellectuele eigendom niet zal worden betwist, geschonden of omzeild door derden. Bovendien is het mogelijk dat Bekaert er niet in slaagt met succes een octrooiverlening te verkrijgen, de registratie van octrooien te voltooien of dergelijke octrooien te beschermen, wat een wezenlijke en nadelige invloed kan hebben op onze bedrijfspositie. Eind 2025 had Bekaert meer dan 1 650 octrooien, gebruiksmodellen en ontwerpdossiers en meer dan 1 250 handelsmerkdossiers. Bekaert start ook procedures wegens octrooischending tegen concurrenten wanneer dergelijke gevallen worden vastgesteld of gemeld. Daarnaast beschikt Bekaert over een IP-beleid en organiseert het opleidingen.
Financiële risico's
Wisselkoersrisico
Bekaerts activa, inkomsten, winst en kasstromen worden beïnvloed door wisselkoersschommelingen van verschillende valuta. Het valutarisico van de Groep kan worden opgesplitst in twee categorieën: het omzettingsrisico en het transactierisico. Een omzettingsrisico ontstaat wanneer de financiële gegevens van buitenlandse dochterondernemingen worden omgezet in de consolidatievaluta van de Groep, de euro. De Groep is ook blootgesteld aan transactionele valutarisico's die voortvloeien uit haar investerings-, financierings-, verkoop- en operationele activiteiten. Bekaert hanteert een indekkingsbeleid om de impact van valutarisico's te beperken.
Kredietrisico
Bekaert is onderhevig aan het risico dat commerciële tegenpartijen hun verplichtingen uitstellen of niet betalen. Hoewel Bekaert een kredietbeleid heeft dat rekening houdt met de risicoprofielen van de klanten en de markten waartoe zij behoren, kan dit beleid het kredietrisico niet volledig uitsluiten. Dit risico kan een impact hebben op de kaspositie en de winstgevendheid van de Groep. Bekaert beschikt over oplossingen voor risico-overdracht om dergelijke risico's te beperken. Bekaert beschikt over een kredietverzekeringspolis om dergelijke risico's te beperken. De groep heeft ook haar kredietprocedures, rapportering en IT- tool versterkt en bijkomende maatregelen genomen, die het liquiditeitsrisico op vele markten en bij bepaalde klanten verhoogde.Risico op hogere financieringskosten
Stijgende rentevoeten kunnen leiden tot hogere financieringskosten. Ook verslechterende financiële prestaties van het bedrijf kunnen leiden tot hogere financieringskosten en/of (meer) beperkende convenanten en/of meer zekerheden. Bekaert beheert voortdurend zijn nettoschuld door het werkkapitaal te verminderen (vorderingen, voorraden), de Capex te controleren en de uitgaven te controleren.
Niet-verzekerde risico's
Voor de meeste risico's gelden beperkingen inzake verzekeringsdekking en de kosten van verzekeringspremies stijgen gestaag, waardoor een risico op onverzekerde verliezen en hogere kosten ontstaat. Bekaert focust op operationeel risicobeheer om de risico's te beperken en is voortdurend op zoek naar nieuwe en alternatieve verzekeringsoplossingen om de impact te verminderen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 87 −
| Risico | Trend | Beperkende maatregelen |
|---|---|---|
| Marge-erosie door kosteninflatie en stijgende tarieven | Walsdraad, Bekaerts belangrijkste grondstof, wordt aangekocht bij staalfabrieken van over de hele wereld. Indien Bekaert er niet in slaagt kostenstijgingen tijdig aan de klanten door te berekenen, kan dit de winstmarges van Bekaert negatief beïnvloeden. Ook de omgekeerde prijsontwikkeling brengt winstrisico's met zich mee: indien de grondstofprijzen aanzienlijk dalen en Bekaert hoger geprijsd materiaal in voorraad heeft, dan kan de winstgevendheid getroffen worden door (non-cash) voorraadwaarderingscorrecties op de balansdatum van een rapporteringsperiode. | In principe worden prijsschommelingen zo snel mogelijk doorgerekend in de verkoopprijzen, via contractueel overeengekomen prijsmechanismen of via individuele onderhandelingen. Bekaert beschikt ook over nieuwe instrumenten om het risico te beperken. |
| Belastingrisico's | Het internationale karakter van Bekaerts activiteiten en de snel veranderende internationale fiscale omgeving brengen een aantal fiscale risico's met zich mee. Bekaert is onderworpen aan verschillende belastingwetten in vele landen. Bekaert streeft ernaar zijn activiteiten op een fiscaal efficiënte manier te structureren, met inachtneming van de toepasselijke fiscale wetten en voorschriften. Dit sluit het risico niet uit dat een dochteronderneming van Bekaert hoger dan verwachte belastingverplichtingen oploopt, wat een nadelige invloed kan hebben op de effectieve belastingvoet, de bedrijfsresultaten en de financiële positie. Bekaert-dochterondernemingen kunnen worden onderworpen aan door de overheid opgelegde belastingsinspecties. Dergelijke onderzoeken zijn de laatste jaren regelmatiger geworden en kunnen leiden tot hogere advieskosten en bijkomende verplichtingen. Hoewel Bekaert wordt bijgestaan door belastingconsulenten en specialisten, kan zij niet garanderen dat wijzigingen in de belastingwetgeving, uiteenlopende interpretaties en inconsistente handhaving geen negatieve invloed kunnen hebben op Bekaerts effectieve belastingtarief, bedrijfsresultaten en financiële toestand. Het is Bekaerts praktijk om voorzieningen (per entiteit) op te nemen voor potentiële belastingverplichtingen. |
Geopolitiek / landspecifiek
Politieke / regelgevingsrisico's
Bekaert is onderhevig aan risico's die voortvloeien uit (i) de toenemende wereldwijde trend van protectionisme, (ii) de voortdurende veranderingen in het handelsbeleid wereldwijd en de handelsspanningen tussen specifieke landen en regio's, zoals tussen de VS, Europa en China, en meer specifiek de steeds veranderende staaltarieven in de VS en EU-initiatieven (CBAM en EU Steel and Metals Action Plan); (iii) de toenemende regionale conflicten in China, de situatie in Rusland, rekening houdend met de oorlog tussen Rusland en Oekraïne. Om deze risico's te beperken, implementeert Bekaert maatregelen om kosteneffectief te zijn, vaste kosten flexibel te maken, de wendbaarheid van de divisies te verhogen, actief portefeuille beheer te voeren en kosteninflatie door te rekenen. Bekaert bouwt allianties, coalities en strategische relaties uit om ontwikkelingen in de regelgeving beter te begrijpen en hun impact te beperken. Het bedrijf definieert en implementeert flexibele inkoopstrategieën en beoordeelt de mogelijke impact van nieuwe regelgeving op divisies, zodat tijdig passende maatregelen kunnen worden genomen om de impact te beperken. Bekaert beperkt deze risico's ook door productievestigingen in verschillende regio's te exploiteren en een gediversifieerd klantenbestand in verschillende sectoren te bedienen.
Geopolitiek risico
Bekaert is ook aanwezig in landen met politieke en economische risico's, waaronder China, Rusland en Turkije. Indien zich een belangrijk politiek, sociaal of vermogensactiva-incident zou voordoen, dan is een impact op de winst mogelijk. Als onderdeel van een bedrijfscontinuïteitsplan heeft Bekaert maatregelen getroffen om dit risico te verminderen door middel van back-up scenario's en leveringsgoedkeuringen van andere locaties.
Gevolgen van klimaatverandering
Schade als gevolg van de klimaatverandering (zware regenval/overstromingen, droogte/watertekorten, hittestress, brandweer, extreme stormen/windschade) kan de continuïteit van Bekaerts activiteiten op de getroffen locaties aantasten. Bekaert evalueert de mogelijke impact van de klimaatverandering en implementeert aanpassingsmaatregelen zoals een adequate waterafvoer en/of -opvang, waterkeringen, het voorzien van adequate brandbestrijdingsfaciliteiten, programma's om het waterverbruik te minimaliseren en voorzieningen voor de werkomstandigheden van werknemers in geval van extreem hoge temperaturen. Als onderdeel van Bekaerts klimaatrisicobeheerstrategie werd een diepgaande klimaatrisicostudie uitgevoerd om de mogelijke impact van fysieke klimaatverandering op Bekaerts wereldwijde activa en activiteiten te beoordelen. De samenvatting van de conclusies van deze studie zijn opgenomen in de ESG- verklaringen onder E1 Klimaatverandering.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 88 −
Een doeltreffend kader voor interne controle en ERM is noodzakelijk om een redelijke zekerheid te kunnen geven omtrent de financiële en, ESG-rapportering van Bekaert en om fraude te voorkomen. Interne controle op financiële en ESG-rapportering kan niet alle fouten voorkomen of opsporen, wegens beperkingen eigen aan de controle, zoals mogelijke menselijke fouten, het misleiden of omzeilen van controles of fraude. Daarom kan een effectieve interne controle enkel een redelijke garantie bieden voor de voorbereiding en de correcte voorstelling van de financiële informatie. Het niet oppikken van een fout als gevolg van menselijke fouten, het misleiden of omzeilen van controles of fraude kan een negatieve invloed hebben op de reputatie en de financiële resultaten van Bekaert. Dit kan er ook toe leiden dat Bekaert niet voldoet aan zijn lopende verplichtingen voor openbaarmaking.
Financieel Overzicht
Bekaert Jaarverslag 2025 − 90 −
Geconsolideerde jaarrekening
Geconsolideerde winst-en-verliesrekening in duizend € - Jaar afgesloten per 31 december
| Toelichting | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Omzet | 3 957 814 | 3 705 815 |
| Kostprijs van verkopen | -3 302 558 | -3 223 571 |
| Marge op omzet | 655 256 | 482 244 |
| Commerciële kosten | -158 521 | -140 757 |
| Administratieve kosten | -150 878 | -127 056 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -56 670 | -59 260 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 29 487 | 56 556 |
| Andere bedrijfskosten | -22 496 | -76 902 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 296 178 | 134 826 |
| waarvan EBIT - Onderliggend | 348 156 | 296 710 |
| Eenmalige elementen | -51 978 | -161 884 |
| Renteopbrengsten | 18 299 | 10 882 |
| Rentelasten | -37 998 | -31 997 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | -18 857 | -28 083 |
| Resultaat vóór belastingen | 257 622 | 85 627 |
| Winstbelastingen | -62 856 | -59 186 |
| Resultaat na belastingen (geconsolideerde ondernemingen) | 194 767 | 26 441 |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 48 799 | 38 294 |
| PERIODERESULTAAT | 243 566 | 64 735 |
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert | 238 904 | 67 356 |
| minderheidsbelangen van derden | 4 661 | -2 621 |
Winst per aandeel in € per aandeel
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert | ||
| Basisberekening | 4,559 | 1,329 |
| Na verwateringseffect | 4,548 | 1,326 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze winst-en-verliesrekening.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 91 −
Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat in duizend € - Jaar afgesloten per 31 december
| Toelichting | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Perioderesultaat | 243 566 | 64 735 |
| Andere elementen van het resultaat | ||
| Andere elementen van het resultaat die later geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening | ||
| Omrekeningsverschillen | ||
| Omrekeningsverschillen van de periode m.b.t. dochterondernemingen | 43 497 | -84 258 |
| Omrekeningsverschillen van de periode m.b.t. joint ventures en geassocieerde ondernemingen | -32 393 | -12 |
| Andere elementen van het resultaat die later geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen | 11 104 | -84 270 |
| Andere elementen van het resultaat die later niet geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening | ||
| Herwaarderingen van de nettoverplichting m.b.t. | ||
| Nettowijziging in reële waarde van deelnemingen aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen 8 985 -1 074 | ||
| Aandeel in niet-herclassificeerbare andere elementen van het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen 80 -3 | ||
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat die later niet geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en- verliesrekening 6.7 -4 469 -2 741 | ||
| Andere elementen van het resultaat die later niet geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen 25 099 7 424 | ||
| Andere elementen van het resultaat (opgenomen in het eigen vermogen) 36 202 -76 846 | ||
| VOLLEDIG PERIODERESULTAAT 279 768 -12 111 | ||
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert 274 054 -7 340 | ||
| minderheidsbelangen van derden 6.15 5 714 -4 771 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van dit overzicht van het volledig perioderesultaat.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 92 −
Geconsolideerde balans
Activa per 31 december
in duizend €
| Toelichting | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Immateriële activa | 6.1 | 92 877 |
| Goodwill | 6.2 | 166 406 |
| Materiële vaste activa | 6.3 | 1 199 961 |
| Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa | 6.4 | 145 154 |
| Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 6.5 | 188 620 |
| Overige vaste activa | 6.6 | 101 010 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 6.7 | 116 291 |
| Vaste activa | 2 010 319 | |
| Voorraden | 6.8 | 833 987 |
| Ontvangen bankwissels | 6.8 | 29 110 |
| Handelsvorderingen | 6.8 | 580 663 |
| Overige vorderingen | 6.9 / 6.21 | 134 240 |
| Geldbeleggingen | 6.10 | 2 312 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 6.10 | 504 384 |
| Overige vlottende activa | 6.11 | 57 047 |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6.12 | 9 825 |
| Vlottende activa | 2 151 568 | |
| Totaal | 4 161 887 |
Passiva per 31 december
in duizend €
| Toelichting | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Kapitaal | 6.13 | 159 782 |
| Uitgiftepremies | 39 517 | |
| Overgedragen resultaten | 6.14 | 2 249 232 |
| Eigen aandelen | 6.14 | -81 502 |
| Overige Groepsreserves | 6.14 | -108 950 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert | 2 258 079 | |
| Minderheidsbelangen | 6.15 | 53 689 |
| Eigen vermogen | 2 311 768 | |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | 6.16 | 46 463 |
| Overige voorzieningen | 6.17 | 26 135 |
| Rentedragende schulden | 6.18 | 496 222 |
| Overige verplichtingen op meer dan een jaar | 6.19 | 1 356 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 6.7 | 31 321 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 601 497 | |
| Rentedragende schulden | 6.18 | 306 309 |
| Handelsschulden | 6.8 | 668 111 |
| Personeelsbeloningen | 6.8 / 6.16 | 126 820 |
| Overige voorzieningen | 6.17 | 11 387 |
| Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen | 6.21 | 71 530 |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | 6.20 | 64 465 |
| Verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6.12 | — |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 1 248 622 | |
| Totaal | 4 161 887 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze balans.
Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen
Toewijsbaar aan aandeelhouders van Bekaert ¹
in duizend €
| Kapitaal | Uitgiftepremies | Overgedragen resultaten | Eigen aandelen | Gecumuleerde omrekeningsverschillen | Herwaarderingsreserve voor niet-geconsolideerde deelnemingen | Herwaarderingsreserve voor DB-regelingen | Uitgestelde-belastingreserve | Andere revaluatie reserves | Totaal | Minderheidsbelangen ² | Totaal eigen vermogen | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Saldo per 1 januari 2024 | 161 145 | 39 517 | 2 131 937 | -76 897 | -124 533 | -11 175 | -27 820 | 22 381 | -1 692 | 2 112 865 | 53 164 | 2 166 029 |
| Perioderesultaat | 238 904 | 238 904 | 4 661 | 243 566 | ||||||||
| Andere elementen van het resultaat | 10 422 | 8 985 | -4 546 | 35 150 | 1 053 | 36 202 | ||||||
| Overige wijzigingen in Groepsstructuur | 1 262 | -1 262 | — | — | ||||||||
| In eigenvermogens- instrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | -15 170 | -15 170 | -15 170 | |||||||||
| Uitgifte nieuwe aandelen | — | — | ||||||||||
| Transacties eigen aandelen | -1 363 | -19 912 | -19 912 | |||||||||
| Dividenden | -93 758 | -93 758 | -5 189 | -98 947 | ||||||||
| Saldo per 31 december 2024 | 159 782 | 39 517 | 2 249 232 | -81 502 | -114 111 | -3 452 | -7 531 | 17 836 | -1 692 | 2 258 079 | 53 689 | 2 311 768 |
Toewijsbaar aan aandeelhouders van Bekaert ¹
in duizend €
| Kapitaal | Uitgiftepremies | Overgedragen resultaten | Eigen aandelen | Gecumuleerde omrekeningsverschillen | Herwaarderingsreserve voor niet-geconsolideerde deelnemingen | Herwaarderingsreserve voor DB-regelingen | Uitgestelde-belastingreserve | Andere revaluatie reserves | Totaal | Minderheidsbelangen ² | Totaal eigen vermogen | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Saldo per 1 januari 2025 | 159 782 | 39 517 | 2 249 232 | -81 502 | -114 111 | -3 452 | -7 531 | 17 836 | -1 692 | 2 258 079 | 53 689 | 2 311 768 |
| Perioderesultaat | 67 356 | 67 356 | -2 621 | 64 735 | ||||||||
| Andere elementen van het resultaat | -82 121 | -1 074 | 11 238 | -2 739 | -74 696 | -2 150 | -76 846 | |||||
| Herclassificeringen | -4 047 | -2 | 92 | 5 551 | -1 399 | 10 | 10 | |||||
| Overige wijzigingen in Groepsstructuur³ | -8 434 | 12 782 | -4 348 | -4 348 | ||||||||
| In eigenvermogens- instrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 1 387 | 1 387 | ||||||||||
| Transacties eigen aandelen | -104 973 | -92 007 | -92 007 | |||||||||
| Dividenden | -97 929 | -97 929 | -3 640 | -101 570 | ||||||||
| Saldo per 31 december 2025 | 159 782 | 39 517 | 2 102 592 | -68 538 | -196 232 | -4 618 | 22 039 | 9 349 | -1 692 | 2 062 200 | 35 139 | 2 097 339 |
¹ Zie toelichting 6.14. "Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves".
² Zie toelichting 6.15. "Minderheidsbelangen".
³ Zie toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten".
Bekaert Jaarverslag 2025 − 95 −
Geconsolideerd kasstroomoverzicht
in duizend € - Jaar afgesloten per 31 december
| Toelichting | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Bedrijfsactiviteiten | ||
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 296 178 | 134 826 |
| Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in het bedrijfsresultaat | 7.1 | 188 911 |
| Investeringsposten verwerkt in het bedrijfsresultaat | 7.1 | -4 630 |
| Gebruikte bedragen van voorzieningen voor personeelsbeloningen en overige voorzieningen | 7.1 | -36 596 |
| Betaalde winstbelastingen | 5.6 / 7.1 | -69 421 |
| Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 374 441 | 370 255 |
| Wijzigingen in operationeel werkkapitaal | 6.8 | 37 139 |
| Overige bedrijfskasstromen | 7.1 | -37 610 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 373 971 | 449 744 |
| Investeringsactiviteiten | ||
| Nieuwe bedrijfscombinaties | 7.1 | -39 170 |
| Andere verwervingen van deelnemingen | 7.1 | -1 443 |
| Inkomsten uit verkoop van deelnemingen | 7.2 | 1 262 |
| Ontvangen dividenden | 6.5 | 50 939 |
| Aankopen immateriële activa | 6.1 | -25 664 |
| Aankopen materiële vaste activa | 6.3 | -196 074 |
| Aankopen RoU Land | 6.4 | -13 |
| Inkomsten uit verkoop van vaste activa | 7.1 | 9 809 |
| Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten | -200 355 | -79 005 |
| Financieringsactiviteiten | ||
| Ontvangen rente | 5.4 | 18 273 |
| Betaalde rente | 5.4 | -28 608 |
| Betaalde brutodividenden aan aandeelhouders van NV Bekaert SA | -93 758 | |
| Betaalde brutodividenden aan minderheidsbelangen | -420 | |
| Inkomsten uit rentedragende langetermijnschulden | 6.18 | 2 383 |
| Aflossing van rentedragende langetermijnschulden | 6.18 | -107 839 |
| Kasstromen m.b.t. rentedragende kortetermijnschulden | 6.18 | -47 545 |
| Transacties eigen aandelen | 6.13 | -30 065 |
| Overige financieringskasstromen | 7.1 | -19 277 |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten | -306 855 | -316 038 |
| Toename of afname (-) in geldmiddelen en kasequivalenten | -133 239 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - begin van de periode | 631 687 | 504 384 |
| Effect van wisselkoersfluctuaties | 5 936 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - einde van de periode | 504 384 | 526 601 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van dit kasstroomoverzicht.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 96 −
Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening
1. Algemene informatie
NV Bekaert SA (de "Onderneming") is een onderneming die in België is opgericht en gedomicilieerd. De Onderneming is een wereldmarkt- en technologielijder in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën. De geconsolideerde jaarrekening van de Onderneming omvat de Onderneming en haar dochterondernemingen (samen verder de "Groep" of "Bekaert" genoemd) en het belang van de Groep in joint ventures en geassocieerde ondernemingen gewaardeerd volgens de equity-methode. De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur van de Onderneming vrijgegeven voor publicatie op 19 maart 2026.
2. Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor de financiële verslaggeving
2.1. Conformiteitsverslag
De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met en voldoet aan de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie.
Nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties
Standaarden, interpretaties en aanpassingen die van kracht werden in 2025
In het huidige jaar heeft de Groep de onderstaande aanpassingen aan IFRS standaarden en interpretaties toegepast. Deze werden van kracht voor verslagperiodes die starten op of na 1 januari 2025. De toepassing van deze aanpassingen had geen materiële impact op de toelichtingen noch op de gerapporteerde bedragen in deze jaarrekening.
- Wijzigingen in IAS 21 "De effecten van wijzigingen in wisselkoersen" - Gebrek aan uitwisselbaarheid, van kracht op 1 januari 2025.
Standaarden, aanpassingen en interpretaties die nog niet van kracht zijn in 2025 en die niet vervroegd toegepast werden
De Groep heeft niet geopteerd voor vervroegde toepassing van overige standaarden, aanpassingen en interpretaties die nog niet van kracht waren in 2025. Verwacht wordt dat deze nieuwe standaarden, aanpassingen aan standaarden en interpretaties, die na 2025 van kracht worden, geen belangrijke effecten op de jaarrekening zullen hebben, met uitzondering van IFRS 18.• Wijzigingen in de classificatie en waardering van financiële instrumenten (wijzigingen in IFRS 9, financiële instrumenten en IFRS 7, financiële instrumenten: toelichtingen), van kracht op 1 januari 2026.
• Power Purchase Agreements (PPAs) (wijzigingen aan IFRS 9 en IFRS 7), van kracht op 1 januari 2026.
• Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS-boekhoudnormen – Wijzigingen, van kracht op 1 januari 2026 voor:
- IFRS 1 Eerste toepassing van International Financial Reporting Standards;
- IFRS 7 Financiële instrumenten: Toelichtingen en de bijbehorende richtlijnen voor de implementatie van IFRS 7;
- IFRS 9 Financiële instrumenten;
- IFRS 10 Geconsolideerde jaarrekening;
- IAS 7 Kasstroomoverzicht.
De Groep is van plan om deze standaarden en interpretaties, indien toepasselijk, toe te passen wanneer ze van kracht worden.
• IFRS 18 Presentatie en Toelichtingen in Financieel Overzicht, effectief vanaf 1 januari 2027
Bekaert Jaarverslag 2025 − 97 −
In april 2024, heeft de IASB IFRS 18 uitgevaardigd, ter vervanging van IAS 1 Presentation of Financial Statements. IFRS 18 introduceert nieuwe vereisten voor de presentatie in de winst-en-verliesrekening, waaronder voorgeschreven totalen en subtotalen. Daarnaast moeten ondernemingen alle opbrengsten en kosten in de winst-en-verliesrekening indelen in één van vijf categorieën: operationeel, investeren, financieren, winstbelastingen en beëindigde bedrijfsactiviteiten, waarvan de eerste drie nieuw zijn. De standaard vereist toelichtingen over nieuw gedefinieerde, door het management bepaalde prestatiemaatstaven, subtotaalposten van opbrengsten en kosten, en bevat tevens nieuwe vereisten voor de aggregatie en uitsplitsing van financiële informatie op basis van de geïdentificeerde ‘rollen’ van de primaire overzichten (PFS) en de toelichtingen. Daarnaast zijn beperkte wijzigingen aangebracht in IAS 7 Statement of Cash Flows, waaronder het wijzigen van het startpunt voor het bepalen van de kasstromen uit operationele activiteiten volgens de indirecte methode — van ‘winst of verlies’ naar ‘operationeel resultaat’ — en het verwijderen van de keuzemogelijkheid inzake de classificatie van kasstromen uit dividenden en interest. Tevens zijn er gevolgwijzigingen in verschillende andere standaarden opgenomen. IFRS 18 treedt in werking op 1 januari 2027 en zal naar verwachting een materiële impact hebben op de primaire financiële overzichten en de bijbehorende toelichtingen van Bekaert. De Groep is bezig met het bepalen van de impact van de toepassing van IFRS 18. De Groep ligt op schema om de eerste IFRS 18‑conforme tussentijdse financiële staten te rapporteren voor de periode eindigend op 30 juni 2027, en de jaarrekening voor de periode eindigend op 31 december 2027. Op basis van de eerste beoordeling — die nog loopt — verwacht de Groep dat de belangrijkste prestatieaanpassingen betrekking zullen hebben op de herclassificatie van wisselkoersverschillen met betrekking tot handelsvorderingen en ‑schulden en factoringkosten van financiële baten en lasten onder IAS 1 naar operationeel resultaat onder IFRS 18. Daarnaast zullen inkomsten gerelateerd aan het aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen, evenals wisselkoersverschillen op kasmiddelen en kasequivalenten, worden geherclassificeerd naar de nieuwe investeringscategorie onder IFRS 18. Er zullen nieuwe toelichtingen worden toegevoegd: (a) management‑gedefinieerde prestatiemaatstaven (MPM’s); en (b) een reconciliatie voor elke regel in de winst‑ en verliesrekening tussen de aangepaste gepresenteerde bedragen volgens IFRS 18 en de eerder gepresenteerde bedragen volgens IAS 1. Intrestontvangsten zullen worden geclassificeerd onder de investeringsactiviteiten in het kasstroomoverzicht, terwijl deze momenteel worden gepresenteerd onder de financieringscategorie. Op basis van onze eerste — nog lopende — beoordeling wordt verwacht dat bepaalde APM’s zullen voldoen aan de definitie van management‑gedefinieerde prestatiemaatstaven (MPM’s) onder IFRS 18, afhankelijk van de uitkomsten van de verdere analyse.
2.2. Algemene principes
Voorstellingsbasis
De geconsolideerde rekeningen worden voorgesteld in duizend euro (tenzij anders aangegeven), op basis van de historische kostprijsmethode, behalve voor derivaten, financiële activa aangemerkt als tegen reële waarde via OCI en financiële activa aangemerkt als tegen reële waarde via resultaat, die tegen reële waarde worden opgenomen. Financiële activa waarvoor geen prijsnotering voorhanden is in een actieve markt of waarvan de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan bepaald worden, worden tegen historische kostprijs gewaardeerd. Tenzij anders vermeld, werden de grondslagen voor financiële verslaggeving consistent met het vorig boekjaar toegepast. De Groep heeft de jaarrekening opgesteld in de veronderstelling dat zij haar activiteiten in continuïteit zal voortzetten.
Consolidatieprincipes
Dochterondernemingen
Alle dochterondernemingen volgen het kalenderjaar als boekjaar, met uitzondering van de Indiase vennootschappen (van april tot maart) en Scheldestroom NV (van oktober tot september). Deze laatste rapporteren wel per kalenderjaar aan de Groep. De dochterondernemingen passen dezelfde grondslagen voor financiële verslaggeving toe als de Groep.
Gezamenlijke overeenkomsten en geassocieerde ondernemingen
De jaarrekeningen van de joint ventures worden opgesteld volgens de grondslagen van financiële verslaggeving van de Groep en voor dezelfde verslagperiode als de Groep. Op dit ogenblik heeft Bekaert geen dochterondernemingen die beschouwd worden als geassocieerde ondernemingen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 98 −
Valutaomrekening
Elementen uit de jaarrekening van elk van de Groepsentiteiten worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit werkt (de "functionele valuta"). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, de functionele valuta van de onderneming en tevens de presentatievaluta van de Groep. De jaarrekeningen van buitenlandse dochterondernemingen worden als volgt omgerekend:
• activa en verplichtingen tegen de slotkoers van de Europese Centrale Bank;
• opbrengsten, kosten en kasstromen tegen de gemiddelde koers van het jaar;
• componenten van het eigen vermogen tegen historische wisselkoers.
2.3. Balanselementen
Immateriële activa
Immateriële activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde; afzonderlijk verworven immateriële activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Na hun initiële opname worden immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs of reële waarde verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Immateriële activa worden lineair afgeschreven over hun naar best vermogen geschatte gebruiksduur. De afschrijvingsduur en -methode worden elk jaar opnieuw geëvalueerd bij afsluiting van het boekjaar. Een wijziging in de gebruiksduur van een immaterieel actief wordt prospectief verwerkt als een schattingswijziging.
Licenties, patenten en soortgelijke rechten
Uitgaven voor aangekochte licenties, patenten, handelsmerken en soortgelijke rechten worden geactiveerd en lineair afgeschreven over de contractuele looptijd, indien van toepassing, of over de geschatte gebruiksduur, die gewoonlijk ingeschat wordt op hoogstens 10 jaar.
Computersoftware on-premises
Gekochte on-premises software wordt geïnstalleerd en draait op computers op het terrein van het bedrijf dat de software gebruikt, in plaats van op een externe faciliteit zoals een serverfarm of cloud. Over het algemeen houden dergelijke uitgaven rechtstreeks verband met de aankoop en implementatie van aangekochte ERP- software en opgenomen als immateriële vaste activa. ERP-software wordt lineair afgeschreven over tien jaar; alle andere software wordt afgeschreven over een periode van drie tot vijf jaar. Externe (met betrekking tot externe leveranciers en consultants) en interne (met betrekking tot Bekaert-personeel) implementatiekosten komen in aanmerking voor activering.
Ontwikkeling van websites
Kosten gemaakt in de ontwikkeling van websites worden opgenomen als immateriële vaste activa als en slechts als deze voldoen aan de algemene opnamevereisten in IAS 38 en de zes voorwaarden voor opname als ontwikkelingskosten. De belangrijkste voorwaarde is de vereiste om aan te tonen dat de website waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren. Kosten die verband houden met de ontwikkeling van websites, uitsluitend of voornamelijk voor het promoten en adverteren van eigen producten en diensten, worden als kosten geboekt wanneer ze worden gemaakt. Wanneer de website direct of indirect wordt gebruikt in het inkomstengenererende proces, komen de kosten voor activering in aanmerking.
Cloud-oplossingen
Bij een cloud-oplossing betaalt een klant een vergoeding aan een leverancier in ruil voor toegang tot software via internet. De software wordt door de leverancier gehost op de computerinfrastructuur van de leverancier. Voorbeelden van cloud-arrangementen zijn Software-as-a-Service (SaaS), platform as a service, infrastructure as a service. Dit verschilt van een "on-premise"-overeenkomst waarbij een bedrijf een licentie neemt voor of een kopie van de software koopt van een leverancier en de software op zijn eigen computerinfrastructuur gebruikt. Er worden vaak vooraf kosten gemaakt bij cloud computing-arrangementen om de software te implementeren en configureren. Om in aanmerking te komen voor activering als een immaterieel vast actief, bepaalt de Groep of het de controle heeft over de software of de configuratie of implementatie zelf.De Groep onderscheidt de volgende soorten cloud-oplossingen:
* private cloud-arrangementen: deze zijn qua aard vergelijkbaar met on-premise-arrangementen en worden gelijkaardig behandeld;
* public cloud arrangementen: configuratie- of implementatiekosten verbonden aan deze arrangementen komen alleen in aanmerking voor activering als de Groep de configuratie of implementatie zelf in handen heeft.
Commerciële activa
Commerciële activa omvatten vooral klantenlijsten, contracten met klanten en Bekaert Jaarverslag 2025 − 99 − merknamen, meestal verworven in bedrijfscombinaties, en met een gebruiksduur van 8 tot 15 jaar.
Emissierechten
Bij gebrek aan IASB-standaarden en -interpretaties betreffende de administratieve verwerking van CO2-emissierechten, heeft de Groep de "nettobenadering" gebruikt. Deze methode houdt in dat:
* emissierechten worden opgenomen als immateriële activa tegen hun kostprijs (de gratis verkregen rechten worden dus tegen nulwaarde opgenomen); en
* indien de werkelijke emissies de opgenomen rechten overtreffen, wordt een verplichting opgenomen tegen de reële waarde van de aan te kopen rechten om het tekort aan te vullen op balansdatum.
Onderzoek en ontwikkeling
Uitgaven voor onderzoeksactiviteiten met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis of inzichten worden als kosten in de winst-en-verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen. Uitgaven voor ontwikkelingsactiviteiten, waarbij onderzoeksresultaten toegepast worden in een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen voorafgaand aan commerciële productie of ingebruikname, worden alleen opgenomen in de balans als aan alle onderstaande voorwaarden is voldaan:
- project heeft de conceptbevriezing doorstaan; wat betekent dat zowel de eisen als het concept over hoe deze eisen te realiseren duidelijk en vastliggend zijn. In de praktijk bevestigt dit zowel de technische haalbaarheid van het voltooien van het immaterieel actief zodat het beschikbaar zal zijn voor gebruik of verkoop, als het voornemen om het immaterieel actief te voltooien.
- de ontwikkelingsuitgaven bedragen meer dan 100k EUR;
- er wordt verwacht dat de activa toekomstige economische voordelen zullen genereren (bv. er bestaat een potentiële markt voor het product of het nut voor interne aanwending is bewezen), en de geraamde toekomstige voordelen zijn langer dan 1 jaar; en
- de nodige technische, financiële en andere middelen zijn aanwezig om het project te finaliseren.
Geactiveerde ontwikkelingskosten worden lineair afgeschreven vanaf de start van de commerciële productie van het product over de verwachte duur van de gegenereerde voordelen. De afschrijvingsduur is normaliter hoogstens vijf jaar. Een lopend onderzoeks- en ontwikkelingsproject verworven in een bedrijfscombinatie wordt afzonderlijk van goodwill geactiveerd als zijn reële waarde betrouwbaar kan bepaald worden.
Goodwill en bedrijfscombinaties
Overnames van bedrijven worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overgedragen overnamevergoeding in een bedrijfscombinatie wordt gewaardeerd tegen reële waarde, die berekend wordt als de som van de reële waardes op de overnamedatum van de activa afgestaan door de Groep, de verplichtingen opgenomen door de Groep tegenover de vorige eigenaars van de overgenomen activiteit en de participaties afgestaan door de Groep in ruil voor de zeggenschap in de overgenomen partij. Uitgaven in verband met de overname worden opgenomen in het resultaat zodra ze zich voordoen. De identificeerbare overgenomen activa en opgelopen verplichtingen worden opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum. Minderheidsbelangen worden initieel gewaardeerd ofwel tegen reële waarde ofwel tegen hun evenredig aandeel in de opgenomen waarde van de identificeerbare nettoactiva van de overgenomen partij. Deze waarderingskeuze kan transactie per transactie gemaakt worden.
Wanneer de overnamevergoeding die de Groep verschuldigd is bij een bedrijfscombinatie voorwaardelijke vorderingen of verplichtingen omvat, wordt de voorwaardelijke vergoeding gewaardeerd tegen haar reële waarde op de overnamedatum en opgenomen in de overnamevergoeding voor de bedrijfscombinatie. Latere wijzigingen in reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding worden opgenomen in het resultaat.
Wanneer een bedrijfscombinatie in fasen tot stand komt, wordt het belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum (d.i. de datum waarop de Groep de zeggenschap verwerft), en wordt de eventuele opbrengst of last opgenomen in het resultaat. Bedragen met betrekking tot belangen in de overgenomen partij vóór de overnamedatum die voorheen rechtstreeks opgenomen werden in het eigen vermogen, worden overgedragen naar de winst-en-verliesrekening indien dat ook van toepassing zou zijn bij afstoting van de betreffende belangen.
Bijzondere waardeverminderingen van goodwill
Voor het toetsen op bijzondere waardevermindering wordt goodwill toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden van de Groep waarvan verwacht wordt dat zij voordelen zullen halen uit de synergieën van de Bekaert Jaarverslag 2025 − 100 − bedrijfscombinatie. Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen. Dit gebeurt ook tussentijds wanneer er aanwijzingen zijn dat de boekwaarde van de eenheid hoger zou kunnen zijn dan de realiseerbare waarde. Indien de realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid lager is dan haar boekwaarde, wordt de bijzondere waardevermindering eerst in mindering gebracht van de boekwaarde van de goodwill die aan de kasstroomgenererende eenheid werd toegewezen. Daarna wordt de bijzondere waardevermindering toegewezen aan de andere vaste activa die tot de eenheid behoren, evenredig met hun boekwaarde. Wanneer een bijzondere waardevermindering voor goodwill eenmaal is opgenomen, wordt deze in een latere periode niet teruggenomen.
Materiële vaste activa
De Groep heeft geopteerd voor het historische kostprijsmodel en niet voor het herwaarderingsmodel. Indien belangrijke onderdelen van materiële vaste activa op regelmatige tijdstippen dienen vervangen te worden, worden deze door de Groep afzonderlijk afgeschreven op basis van hun specifieke gebruiksduur. Evenzo wordt de kostprijs van een grote inspectie als vervanging opgenomen in de boekwaarde van de materiële vaste activa op voorwaarde dat aan de opnamecriteria is voldaan. Alle overige reparatie- en onderhoudskosten worden in resultaat opgenomen zodra ze zich voordoen.
Materiële vaste activa worden lineair afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur, naargelang van hun categorie. De gebruiksduur en de afschrijvingsmethode worden minstens op het einde van elk boekjaar opnieuw geëvalueerd. Tenzij herzien ten gevolge van specifieke wijzigingen in de verwachte gebruiksduur, worden volgende jaarlijkse afschrijvingspercentages toegepast:
| Categorie | Afschrijvingspercentage |
|---|---|
| terreinen | 0% |
| gebouwen | 5% |
| installaties, machines en uitrusting | 8%-25% |
| testapparatuur voor onderzoek en ontwikkeling | 16.7%-25% |
| meubilair en rollend materieel | 20% |
| computermaterieel | 20% |
De restwaarden, gebruiksduur en afschrijvingsmethoden van materiële vaste activa worden aan het einde van elk boekjaar herzien en zo nodig prospectief aangepast.
Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa
De Groep als leasingnemer
De Groep beoordeelt bij de start van een contract of het contract een lease betreft of een lease bevat. De Groep erkent een recht-op-gebruik actief en een overeenkomstige leaseverplichting voor alle lease-overeenkomsten waarin de Groep leasingnemer is, behalve voor de kortetermijn- leases (gedefinieerd als leases met een leasetermijn van 12 maanden of minder) of voor leases waar het onderliggend actief een lage waarde heeft (zoals printers, kopieerapparaten en klein kantoormaterieel). Voor deze leases erkent de Groep de leasebetalingen als een operationele kost die lineair wordt gespreid over de leaseperiode.
Recht-op-gebruik activa worden afgeschreven over de leaseperiode of de gebruiksduur van het onderliggende actief, afhankelijk welke van de twee de kortste periode heeft. Indien een lease-overeenkomst de eigendom van het onderliggende actief overdraagt, of de kosten van het recht-op-gebruik actief reflecteren dat de Groep verwacht om de aankoopoptie uit te oefenen, dan wordt het gerelateerde recht-op-gebruik actief afgeschreven over de gebruiksduur van het onderliggende actief. De gebruiksrechten van terreinen worden lineair afgeschreven over de contractuele periode die kan variëren tussen 30 en 100 jaar, maar die in de meeste gevallen 50 jaar bedraagt. De afschrijving begint op de ingangsdatum van de lease-overeenkomst.
De recht-op-gebruik activa worden gepresenteerd als een afzonderlijke regel in het geconsolideerde overzicht van de financiële positie. De Groep past IAS 36 toe om te bepalen of een recht-op-gebruik actief moet worden afgewaardeerd.
Variabele huur die niet gelinkt is aan een index of intrest is niet opgenomen in de waardering van de leaseverplichting en het recht-op-gebruik actief. De gerelateerde betalingen worden opgenomen als een kost in de periode waarin de gebeurtenis of voorwaarde die dergelijke betalingen activeert, plaatsvindt. Als een praktisch hulpmiddel laat IFRS 16 toe dat een leasingnemer geen onderscheid maakt tussen leasecomponenten en non-leasecomponenten, en in plaats daarvan zowel de lease als de geassocieerde non-leasecomponenten als één geheel beschouwt. De Groep heeft deze optie gebruikt voor de contracten met betrekking tot bedrijfswagens en industriële voertuigen, waarbij non-leasecomponenten zoals onderhoud en vervanging van banden niet worden afgezonderd maar inbegrepen zijn in de leasecomponent.# Bekaert Jaarverslag 2025 − 101 −
Financiële activa
De Groep classificeert zijn financiële activa in volgende categorieën: gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, tegen reële waarde via het resultaat (RWvR) of tegen reële waarde via OCI (RWvOCI). De classificatie hangt af van de contractuele karakteristieken van de financiële activa en het bedrijfsmodel waaronder zij worden aangehouden. Management bepaalt de classificatie van haar financiële activa bij de initiële opname.
Financiële activa tegen geamortiseerde kostprijs
Financiële activa worden aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs indien het contract de karakteristieken heeft van een basis leningovereenkomst en indien ze werden verworven met de intentie om de contractuele kasstromen te ontvangen tot aan de vervaldatum. De financiële activa die door de Groep gewaardeerd worden tegen geamortiseerde kostprijs bevatten, tenzij anders vermeld, volgende balanselementen: handelsvorderingen en overige vorderingen, ontvangen bankwissels, geldbeleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten. Deze worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve rentemethode, na aftrek van bijzondere waardeverminderingen.
Een financieel actief (of, indien van toepassing, een deel van een financieel actief of een deel van een groep van vergelijkbare financiële activa) wordt voornamelijk niet langer opgenomen (d.w.z. verwijderd uit de geconsolideerde balans van de Groep) wanneer:
* de rechten om kasstromen uit het actief te ontvangen zijn verlopen
* de Groep haar rechten om kasstromen uit het actief te ontvangen heeft overgedragen of een verplichting heeft aangegaan om de ontvangen kasstromen zonder wezenlijke vertraging volledig te betalen aan een derde partij in het kader van een "pass-through-overeenkomst"; en ofwel (a) de Groep nagenoeg alle risico's en voordelen van het actief heeft overgedragen, of (b) de Groep heeft niet alle risico's en opbrengsten van het actief overgedragen, noch in wezen behouden, maar heeft wel de zeggenschap over het actief overgedragen.
Wanneer de Groep haar rechten op het ontvangen van kasstromen uit een actief heeft overgedragen of een pass-through-overeenkomst is aangegaan, evalueert zij of, en in welke mate, zij de risico's en voordelen van eigendom heeft behouden. Wanneer de Groep nagenoeg alle risico's en voordelen van het actief niet heeft overgedragen of behouden, noch de controle over het actief heeft overgedragen, blijft de Groep het overgedragen actief opnemen in de mate van haar aanhoudende betrokkenheid. In dat geval neemt de Groep ook een gerelateerde verplichting op. Het overgedragen actief en de bijbehorende verplichting worden gewaardeerd op een basis die de rechten en verplichtingen weerspiegelt die de Groep heeft behouden. Voortdurende betrokkenheid in de vorm van een garantie over het overgedragen actief wordt gewaardeerd tegen de laagste van de oorspronkelijke boekwaarde van het actief en het maximale vergoedingsbedrag dat de Groep mogelijks zou moeten terugbetalen.
Financiële activa tegen reële waarde
Andere schuldinstrumenten en alle eigenvermogensinstrumenten worden gewaardeerd tegen reële waarde. In principe zal Bekaert haar belangrijkste strategische niet- geconsolideerde eigenvermogensinstrumenten waarderen tegen reële waarde via OCI. Derivaten behoren tot de categorie tegen RWvR, tenzij ze aangemerkt werden en effectief zijn als afdekking.
Ontvangen bankwissels
Betaling door middel van bankwissels is een wijdverbreide praktijk in China. Ontvangen bankwissels worden ofwel geïnd op de vervaldag, ofwel verdisconteerd voor de vervaldag, ofwel doorgegeven aan een leverancier als betaling van een schuld. Verdisconteren gebeurt ofwel met, ofwel zonder verhaal. Met verhaal betekent dat de verdisconterende bank terugbetaling kan eisen indien de uitgever zijn verplichting niet nakomt. Wanneer een bankwissel verdisconteerd wordt met verhaal, wordt het ontvangen bedrag niet afgeboekt van de uitstaande ontvangen bankwissels, maar wordt een verplichting opgezet onder "rentedragende schulden op ten hoogste een jaar" tot de vervaldag van de wissel. Er kan een uitzondering zijn wanneer de wissel, dewelke verhaald kan worden, die wordt verstrekt door een betrouwbare financiële instelling, wordt onderschreven door een verkoper, wat betekent dat de verkoper bij aanvaarding alle risico's en beloningen overneemt die aan die wissel zijn verbonden – in dat geval, na overweging en overeenstemming over de overdracht van risico's en voordelen, kunnen handelsvorderingen worden verwijderd na goedkeuring door de verkoper.
Bijzondere waardevermindering van financiële activa
Financiële activa die schuldinstrumenten zijn, behalve deze tegen RWvR, worden getoetst op bijzondere waardevermindering volgens het
Bekaert Jaarverslag 2025 − 102 −
"Expected Credit Loss"(ECL)-model. Het bedrag van verwachte kredietverliezen wordt op iedere balansdatum bijgewerkt om wijzigingen in kredietrisico te weerspiegelen sinds de initiële opname van het respectievelijke financiële instrument. Bij de bepaling of het kredietrisico van een financieel actief aanzienlijk is toegenomen sinds initiële opname, en bij de inschatting van ECLs, houdt Bekaert rekening met logische en ondersteunende informatie die relevant en beschikbaar is zonder onnodige extra kosten of moeite. Dit omvat ook kwantitatieve en kwalitatieve informatie uit analyses gebaseerd op historische informatie binnen de Groep, een geïnformeerde kredietbeoordeling met inbegrip van vooruitziende informatie. De Groep neemt steeds levenslange ECLs op voor handelsvorderingen. Op iedere balansdatum waardeert Bekaert de bijzondere waardevermindering voor financiële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs (bijv. handelsvorderingen en ontvangen bankwissels) als de actuele waarde van de verwachte kastekorten (verdisconteerd aan de originele effectieve rentevoet). Oninbaar geachte bedragen worden afgewaardeerd tegenover de betreffende provisierekening op iedere balansdatum. Bij de beoordeling van een collectieve afwaardering maakt de Groep gebruik van historische informatie over werkelijk geleden verliezen, en corrigeert deze in het geval economische of kredietcondities van dien aard zijn dat de werkelijke verliezen waarschijnlijk groter of kleiner zijn dan gesuggereerd door historische trends. Toevoegingen aan deze provisierekening als terugnames worden gerapporteerd onder "commerciële kosten" in de winst-en-verliesrekening.
Voorraden
Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen opbrengstwaarde indien deze lager is. De kostprijs wordt bepaald volgens de FIFO- methode (first-in, first-out). Van geproduceerde voorraden omvat de kostprijs alle directe en indirecte productiekosten die nodig zijn om de goederen tot hun afwerkingsstadium op balansdatum te brengen. De opbrengstwaarde staat gelijk met de geschatte verkoopprijs in normale marktomstandigheden, verminderd met de kosten die nodig zijn voor afwerking en verkoop.
Kapitaal
Bij inkoop van eigen aandelen wordt de aanschaffingsprijs, samen met de direct toewijsbare transactiekosten, opgenomen als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden in de balans gerapporteerd als een vermindering van het eigen vermogen. Bij annulering of verkoop van eigen aandelen wordt het transactieresultaat opgenomen in de overgedragen resultaten.
Overige voorzieningen
Voorzieningen worden opgenomen in de balans indien de Groep op balansdatum een wettelijke of feitelijke verplichting heeft als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, waarvoor het waarschijnlijk nodig zal zijn middelen te besteden die economische voordelen inhouden die op een betrouwbare manier geschat kunnen worden. Elke voorziening is gebaseerd op de beste schatting van de uitgave die nodig is om aan de bestaande verplichting te voldoen op de balansdatum. Indien aangewezen, worden voorzieningen verdisconteerd.
Herstructurering
Een voorziening voor herstructurering wordt enkel opgenomen wanneer de Groep een gedetailleerd en formeel herstructureringsplan heeft goedgekeurd en de herstructurering ofwel werd aangevat, ofwel publiekelijk werd aangekondigd vóór balansdatum. Voorzieningen voor herstructurering omvatten enkel uitgaven die een rechtstreeks gevolg zijn van de herstructurering en geen verband houden met de lopende activiteiten van de entiteit.
Bodemsanering
Voorzieningen voor bodemsanering met betrekking tot vervuilde terreinen worden opgenomen overeenkomstig het door de Groep gepubliceerde milieubeleid en de vigerende wettelijke bepalingen.
Claims
Een voorziening voor claims met betrekking tot productgarantieprogramma's of gerelateerde claims met betrekking tot verschillende productkwaliteitsclaims wordt erkend in overeenstemming met het gepubliceerde beleid van de Groep.
Voorzieningen voor personeelsbeloningen
De moedervennootschap en verschillende van haar dochterondernemingen voorzien in pensioen-, overlijdens- en gezondheidszorgregelingen ten gunste van een belangrijk deel van hun werknemers.
Vaste prestatie regelingen
In de winst-en-verliesrekening worden de pensioenkosten zowel van het dienstjaar als van verstreken diensttijd, met inbegrip van winsten of verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT), terwijl de nettorente op Bekaert Jaarverslag 2025 − 103 − de nettoverplichting (-vordering) in de rentelasten wordt opgenomen, als rentegedeelte van rentedragende voorzieningen. Brugpensioenregelingen in België en gezondheidszorgregelingen in de Verenigde Staten worden ook verwerkt als vaste prestatie regelingen.
Vaste bijdrage regelingen
In België legt de Belgische pensioenwetgeving een minimumrendement op. Tot voor 2015 werden vaste bijdrage regelingen in België in wezen verwerkt als vaste bijdrage regelingen. De nieuwe wetgeving die van kracht werd in december 2015 bracht de verplichte kwalificatie als vaste prestatie regelingen met zich, waardoor er per jaareinde 2016 een actuariële waardering werd uitgevoerd.# Op aandelen gebaseerde betalingen
De Groep kent op aandelen gebaseerde, in eigenvermogensinstrumenten en in geldmiddelen afgewikkelde betalingen toe aan bepaalde werknemers. De plannen in eigenvermogensinstrumenten afgewikkeld kennen aan werknemers van de Groep het recht toe om aandelen van NV Bekaert SA te verwerven. Deze omvatten aandelenoptieplannen (SOP), het prestatieaandelenplan (PSP), het personal shareholding requirement plan (PSR) en aandelengiften, allen geëxploiteerd in België. De plannen in geldmiddelen afgewikkeld kennen werknemers van de Groep een bonus in geldmiddelen toe waarvan het bedrag afhankelijk is van de koers van het Bekaert-aandeel op de Euronextbeurs. Share appreciation rights (SAR) en prestatieaandeeleenheden (PSU) zijn van dit type, allen geëxploiteerd buiten België.
In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum (zonder rekening te houden met het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden). De reële waarde op de toekenningsdatum van in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen wordt ten laste genomen van het resultaat met daartegenover een toename van het eigen vermogen. De reële waarde wordt lineair afgeschreven over de wachtperiode tot de definitieve toezegging, gebaseerd op het geschatte aantal aandelenopties van de Groep dat uiteindelijk zal toegezegd worden, en aangepast voor het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden. In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen als verplichtingen tegen hun reële waarde, die op elke balansdatum en op de datum van afwikkeling her bepaald wordt. Wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen in de winst-en- verliesrekening. De Groep gebruikt een binomiaal model of Monte Carlo simulaties om de reële waarde van op aandelen gebaseerde betalingen te bepalen.
Rentedragende schulden
Leaseverplichtingen
De leaseverplichting wordt initieel gewaardeerd als de actuele waarde van de nog niet-betaalde leasebetalingen bij de start van de overeenkomst, verdisconteerd aan de intrest impliciet vermeld in de lease. Indien deze intrest niet gemakkelijk kan worden bepaald, gebruikt de Groep haar marginale rentevoet. De Groep herwaardeert de leaseverplichting (en maakt een overeenkomstige aanpassing aan het recht-op-gebruik actief) wanneer:
* Er een wijziging is aan de leasetermijn, of er is een belangrijke gebeurtenis of wijziging in omstandigheden resulterend in een wijziging in de beoordeling tot uitoefening van een aankoopoptie, waarbij bijgevolg de leaseverplichting wordt geherwaardeerd door het verdisconteren van de herziene leasebetalingen aan een herziene disconteringsvoet.
* De leasebetalingen veranderen door een aanpassing aan de index of intrest, of een wijziging in de verwachte betaling, onder een restwaardegarantie, waarbij de leaseverplichting wordt geherwaardeerd door verdiscontering van de herziene leasebetalingen aan een onveranderde disconteringsvoet.
* Een lease-overeenkomst wordt gewijzigd en de wijziging wordt niet aanzien als een afzonderlijke lease, waarbij de leaseverplichting wordt geherwaardeerd op basis van de leasetermijn van de herziene lease door verdiscontering van de herziene leasebetalingen aan een herziene disconteringsvoet op de effectieve datum van de herziening.
Handelsschulden en overige verplichtingen op ten hoogste een jaar
Handelsschulden en overige verplichtingen op ten hoogste een jaar – met uitzondering van derivaten – worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs, die overeenkomt met de reële waarde van de te betalen vergoeding, en worden vervolgens gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs De Groep erkent een verplichting om een dividend uit te keren wanneer de uitkering is toegestaan en de uitkering niet langer naar goeddunken van de vennootschap is.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 104 −
Winstbelastingen
Tijdens de beoordeling van mogelijke belastingschulden neemt de Groep aan dat de belastingautoriteiten alle bedragen, waarvoor zij het recht hebben, zullen nakijken en alle gerelateerde informatie ter beschikking hebben tijdens deze controles. De Groep houdt rekening met zowel de inschattingen, beslissingen en uitspraken ontvangen in het kader van belastingcontroles en andere informatiebronnen alsook met andere mogelijke controlemiddelen van belastingautoriteiten. De Groep erkent een schuld indien de Groep oordeelt dat het niet waarschijnlijk is dat de belastingsdiensten de door de Groep ingenomen positie voor de betreffende belastingsbehandeling zal aanvaarden. De Groep berekent de belastingschuld op basis van de meest waarschijnlijke uitkomst van mogelijke economische uitstromen. De Groep is evenwel van oordeel dat haar positie voor al deze controles verantwoord is.
Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen in de mate dat het waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst zal gerealiseerd worden waartegen de tijdelijke verschillen afgezet kunnen worden; dit criterium wordt op elke balansdatum opnieuw geëvalueerd. Uitgestelde belastingen worden ook berekend voor tijdelijke verschillen op deelnemingen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, behalve in het geval dat de Groep kan beslissen over het tijdstip waarop het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt en het onwaarschijnlijk is dat het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt in de nabije toekomst.
Derivaten, afdekking en afdekkingsreserve
De Groep gebruikt derivaten om valuta- en renterisico’s af te dekken die voortvloeien uit bedrijfs-, financierings- en investeringsactiviteiten. Het nettorisico van alle dochterondernemingen van de Groep wordt centraal beheerd door de Groepsdienst Thesaurie in overeenstemming met de doelstellingen en regels die door het management vastgelegd werden. Het is de politiek van de Groep om geen speculatieve transacties of transacties met een hefboomeffect aan te gaan.
Derivaten worden initieel opgenomen en ook nadien gewaardeerd tegen reële waarde. De reële waarde van verhandelde derivaten is hun marktwaarde. Indien er geen marktwaarde beschikbaar is, wordt de reële waarde berekend op basis van gekende financiële waarderingsmodellen, gebaseerd op relevante marktkoersen op de balansdatum. De Groep kant hedge accounting toepassen in overeenstemming met IFRS 9 om de volatiliteit in de winst-en-verliesrekening te beperken. Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico wordt een onderscheid gemaakt tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten.
De Groep maakt gebruik van derivaten die niet voldoen aan de voorwaarden voor hedge accounting in IFRS 9, maar als effectieve economische afdekkingen fungeren volgens het risicobeheer van de Groep. Wijzigingen in de reële waarde van dergelijke derivaten worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en- verliesrekening. Derivaten besloten in een basiscontract dat geen derivaat is en die geen financiële activa zijn, worden behandeld als afzonderlijke derivaten indien zij voldoen aan de definitie van een derivaat, hun risico’s en karakteristieken niet nauw verbonden zijn met het basiscontract en het basiscontract niet gewaardeerd is tegen reële waarde via het resultaat. De Groep identificeerde dergelijke besloten derivaten in de Virtual Power Purchase Agreements (VPPA).
Virtual Power Purchase Agreements (VPPA)
Het besloten derivaat is een onderdeel van een financieel instrument dat de kasstromen van een basiscontract wijzigt op een manier die vergelijkbaar is met een op zichzelf staand derivaat volgens een gespecificeerd rentetarief, index van prijzen of tarieven, kredietwaardigheid of kredietindex, of andere variabele, mits in het geval van een niet-financiële variabele dat de variabele niet specifiek is voor een partij verbonden aan het contract.
De waardering van het in de VPPA's vervatte derivaat is gebaseerd op een waarderingsmodel dat gebruik maakt van een Monte Carlo-simulatie met geometrische Brownse beweging die productieoutput en energieprijzen simuleert gedurende de looptijd van de VPPA. De waarderingstechniek omvat alle materiële inputs die consistent zijn met de kenmerken van de VPPA en waarmee marktdeelnemers rekening zouden houden bij het bepalen van een transactieprijs voor het in een contract besloten derivaat in een ordelijke markttransactie. Deze VPPAs omvatten de levering van Groenestroomcertificaten waarvoor de waardering is opgenomen in het waarderingsmodel van het besloten derivaat. De ontvangen Groenestroomcertificaten worden niet opgenomen als afzonderlijke financiële activa aangezien de Groep gebruik maakt van de "eigen gebruik" vrijstelling.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 105 −
2.4. Elementen van de winst-en- verliesrekening
Opname van opbrengsten
De Groep erkent hoofdzakelijk opbrengsten uit de verkoop van producten. Opbrengsten worden gewaardeerd op basis van de vergoeding waarop de Groep verwacht recht te hebben in een contract met klanten, en sluit bedragen uit ontvangen voor rekening van derden. De Groep erkent opbrengsten uit de verkoop van producten op het ogenblik dat de controle over de producten wordt overgedragen naar de klant. De opbrengsten uit de verkoop van producten worden erkend op een ogenblik in de tijd. Omzet wordt opgenomen na aftrek van omzetbelastingen en kortingen. Rente wordt opgenomen op een tijdsbasis die het effectieve rendement op het actief weerspiegelt. De Groep erkent enkel opbrengsten uit op verkoop of op gebruik gebaseerde royalty’s wanneer (of als) de laatste van volgende gebeurtenissen plaatsvindt: de daaropvolgende verkoop of het gebruik vindt plaats; en de prestatieverplichting waaraan een deel of alle royalty’s op basis van verkoop of gebruik zijn toegewezen, is voldaan.Opbrengsten van synthetische touwprojecten worden in de tijd opgenomen omdat de prestaties in het kader van deze projecten geen actief creëren met een alternatief gebruik voor de Groep en de Groep een afdwingbaar recht op betaling heeft voor de prestaties die tot dan toe zijn geleverd. De groep gebruikt een inputmethode om de voortgang van het project te meten, omdat er een directe relatie is tussen de inspanningen van de groep en de overdracht van het project aan de klant. Royalty’s worden opgenomen op basis van het toerekeningsprincipe volgens de bepalingen van de overeenkomst en hebben betrekking op technologie en managementondersteuning. Dividenden worden opgenomen op het ogenblik dat het recht van de aandeelhouder op ontvangst vastgelegd is.
2.5. Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen
Het overzicht van het volledig perioderesultaat presenteert een overzicht van alle opbrengsten en kosten die opgenomen werden hetzij in de winst-en-verliesrekening hetzij in het eigen vermogen. Volgens IAS 1 "Presentatie van de jaarrekening" kan een entiteit kiezen voor ofwel één enkel overzicht van het volledig perioderesultaat ofwel twee overzichten, namelijk een winst-en-verliesrekening onmiddellijk gevolgd door een overzicht van het volledig perioderesultaat. De Groep heeft voor de tweede mogelijkheid geopteerd. Als gevolg van de presentatie van een overzicht van het volledig perioderesultaat beperkt de inhoud van het mutatieoverzicht van het eigen vermogen zich tot wijzigingen die verband houden met het aandeelhouderschap.
2.6. Alternatieve prestatiemaatstaven
Om de financiële prestaties van de Groep te analyseren, gebruikt Bekaert consequent verschillende non-GAAP metrieken of Alternatieve Prestatiemaatstaven (APMs) zoals gedefinieerd in de Richtlijnen voor alternatieve prestatiemaatregelen van de European Securities and Markets Authority’s (ESMA). In overeenstemming met deze ESMA-richtlijnen worden de definitie en reden voor gebruik, evenals de afstemmingstabellen, van elke van deze APMs opgegeven in het gedeelte "Alternatieve prestatiemaatstaven" van het Financieel Overzicht. De belangrijkste APMs die in het Financieel Overzicht worden gebruikt, hebben betrekking op onderliggende prestatiemaatstaven.
Onderliggende prestatiemaatstaven
Bedrijfsopbrengsten en -kosten die verband houden met herstructureringsprogramma’s, bijzondere waardeverminderingen, de eerste verwerking van bedrijfscombinaties, afstoting van activiteiten, milieuprovisies of andere gebeurtenissen en transacties met een eenmalig effect, zijn uitgesloten van de Onderliggende EBIT(DA)-maatstaven.
Herstructureringsprogramma’s omvatten voornamelijk ontslagvergoedingen, winsten en verliezen bij verkoop en bijzondere waardeverminderingen van activa die betrokken zijn bij een shutdown, belangrijke reorganisatie of verplaatsing van activiteiten. Wanneer er geen verband is met herstructureringsprogramma’s, komen alleen bijzondere waardeverminderingen als gevolg van het testen van kasstroomgenererende eenheden in aanmerking als eenmalige effecten.
Eenmalige effecten van bedrijfscombinaties omvatten voornamelijk: aan acquisitiegerelateerde uitgaven, negatieve goodwill, winsten en verliezen op step acquisitie en recycling van CTA op de eerder gehouden rente.
Eenmalige effecten van afstotingen van activiteiten omvatten winsten en verliezen op de verkoop van activiteiten die niet kwalificeren als beëindigde bedrijfsactiviteiten. Deze afgestoten bedrijfsactiviteiten kunnen bestaan uit integrale of onderdelen (groepen activa die worden afgestoten) van dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde deelnemingen.
Naast milieuprovisies omvatten andere gebeurtenissen of transacties die niet inherent zijn aan het bedrijf en een eenmalig effect Bekaert Jaarverslag 2025 − 106 − hebben, voornamelijk rampen en verkopen van vastgoedbeleggingen.
2.7. Diverse Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten
Een vast actief, of een groep activa die wordt afgestoten, wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer de boekwaarde hoofdzakelijk gerealiseerd zal worden via een verkooptransactie eerder dan door het te blijven gebruiken. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop heel waarschijnlijk geacht wordt en als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) klaar is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van een entiteit die ofwel afgestoten is ofwel geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt en zowel operationeel als voor de financiële verslaggeving onderscheiden kan worden van de rest van de entiteit.
Er kan pas sprake zijn van een zeer waarschijnlijke verkoop als de entiteit zich verbonden heeft tot een plan voor de verkoop van het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) en als een operationeel plan opgestart is om een koper te vinden en het plan tot een goed einde te brengen. Bovendien moet de verkoop van het actief (of van de groep activa die wordt afgestoten) actief gepromoot worden tegen een redelijke prijs in verhouding tot zijn huidige reële waarde en dient de verkoopovereenkomst naar verwachting afgesloten te worden binnen het jaar na de classificatiedatum.
Activa die geclassificeerd zijn als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen reële waarde na aftrek van verkoopkosten als deze lager is dan de boekwaarde. Een eventueel overschot van de boekwaarde tegenover de reële waarde na aftrek van verkoopkosten wordt afgeboekt als een bijzondere waardevermindering. Zodra activa geclassificeerd worden als aangehouden voor verkoop worden ze niet langer afgeschreven. Vergelijkende balansinformatie voor voorgaande perioden wordt niet herwerkt om de nieuwe classificatie in de balans te weerspiegelen.
3. Significante beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden
Bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep is het management genoodzaakt om beoordelingen, schattingen en veronderstellingen over de boekwaarde van activa en verplichtingen te maken die niet onmiddellijk beschikbaar zijn uit enigerlei bronnen. Deze beoordelingen, schattingen en veronderstellingen worden voortdurend opnieuw geëvalueerd.
3.1. Significante beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving
Hierna volgen de significante beoordelingen, met uitzondering van deze die bestaan uit schattingen (zie toelichting 3.2. "Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden"), die een belangrijke invloed hebben op de gerapporteerde bedragen in de geconsolideerde jaarrekening.
- Het management oordeelde dat voor verschillende projecten aan de criteria voor kapitalisatie van ontwikkelingsuitgaven was voldaan en kapitaliseerde in 2025 in totaal € 11,3 miljoen (2024: € 9,3 miljoen). De uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling waarvoor niet aan de criteria werd voldaan, werden in de winst-en-verliesrekening opgenomen.
- Wanneer het management implementatie- en configuratiekosten oploopt bij het aangaan van cloud computing-overeenkomsten, maakt het management beoordelingen om te bepalen welke kosten als immaterieel vast actief kunnen worden erkend. Het management beoordeelt eerst of de overeenkomst een actief creëert dat het kan controleren. Bij het maken van deze beoordeling houdt het management rekening met het IFRS Interpretation Committee (IFRIC) agendabesluit van maart 2019 over het recht van de klant om toegang te krijgen tot de software van de leverancier die in de cloud wordt gehost. Daarna wordt beoordeeld welke vergoedingen en implementatiekosten geactiveerd kunnen worden. Het management nam daarnaast ook het agendabesluit van de IFRS Interpretation Committee (IFRIC) van april 2021 over de verduidelijking van de boekhouding met betrekking tot deze kosten in overweging.
- Het management maakt een beoordeling bij het bepalen van de functionele valuta van Groepsondernemingen op basis van de huidige economische context van de transacties die Bekaert Jaarverslag 2025 − 107 − relevant zijn voor deze ondernemingen. De functionele valuta is over het algemeen de munt van het land waarin de onderneming opereert. Zie toelichting 7.8. "Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen" voor een volledige lijst van entiteiten met hun functionele valuta.
- Uitgestelde belastingvorderingen werden enkel geboekt in de mate dat het waarschijnlijk werd geacht dat er voldoende toekomstige belastbare winsten zouden gemaakt worden, rekening houdend met zowel positieve als negatieve elementen. Deze afweging is gebaseerd op voorzichtige aannames afgeleid van het businessplan van de betrokken entiteit, doorgaans over een tijdshorizon van 5 jaar. In bepaalde rechtsgebieden zijn uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot beleggingsverliezen, operationele verliezen en aftrekposten geboekt tot het bedrag van onzekere belastingposities. Dit weerspiegelt dat mogelijke aanpassingen naar aanleiding van belastingcontroles, de beschikbare belastingverliezen waarschijnlijk zou verminderen in plaats van te resulteren in een betaling van een belastingkost door de betrokken entiteit.
- Aangezien België door de wet van 19 december 2023 een minimumbelasting (tegen een effectief minimum belastingtarief van 15%) voor multinationale ondernemingen vanaf 1 januari 2024 heeft ingevoerd, vallen NV Bekaert en haar dochterondernemingen onder het toepassingsgebied van de OESO Pijler 2 modelvoorschriften. In mei 2023 heeft de IASB wijzigingen van IAS 12 gepubliceerd die, voorzien in een tijdelijke uitzondering op de vereisten met betrekking tot uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen in verband met wetgeving ter uitvoering van de OESO Pijler 2 modelvoorschriften, en die aanvullende openbaarmakingsvereisten invoeren.# 3.2. Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden
Hierna volgt een overzicht van de belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en de belangrijkste andere bronnen van schattingsonzekerheden op het einde van de verslagperiode die een risico inhouden op beduidende aanpassingen aan de boekwaarden van activa en verplichtingen in de komende verslagperiode.
- De test op bijzondere waardevermindering op de goodwill die toegewezen werd aan BBRG, werd uitgevoerd op basis van het laatste actieplan voor BBRG. Als gevolg van de gerealiseerde ommekeer in de performantie van de business in 2020 werd de bufferruimte zeer solide, waarmee de waarschijnlijkheid van een bijzondere waardevermindering ook sterk is afgenomen (zie toelichting 6.2. "Goodwill").
- Bijzondere waardevermindering analyses maken gebruik van assumpties voor bv. evolutie van de markt, marge evolutie en disconteringsvoeten. De mogelijkheid om wijzigingen in de prijs van grondstoffen door te rekenen naar de klanten (hetzij op basis van contractuele overeenkomsten hetzij als gevolg van commerciële onderhandelingen) zit vervat in de assumptie omtrent de marge evolutie. Toelichting 6.2. "Goodwill" bevat scenario’s waarin de gevoeligheid van het resultaat van de test ten gevolge van mogelijke wijzigingen in deze assumpties beschreven worden.
- Gezien haar wereldwijde aanwezigheid is Bekaert blootgesteld aan belastingrisico’s in veel rechtsgebieden. Enerzijds kan de toepassing van de belastingwetgeving in de verschillende rechtsgebieden complex zijn en een evaluatie van het risico en een inschatting van de uitkomst vereisen, wat een belangrijke bron van schattingsonzekerheden is. Anderzijds voeren de belastingsautoriteiten van de rechtsgebieden regelmatig belastingcontroles uit die mogelijke problemen aan het licht kunnen brengen. Gezien de belastingcontroles meerdere jaren kunnen duren verhoogt dit nog de onzekerheid. Gezien de uitkomst van zulke belastingcontroles onzeker is, heeft Bekaert in de algehele evaluatie van mogelijke belastingschulden rekening gehouden met de kwaliteit van zijn aangifteposities die het onderwerp uitmaken van iedere belastingcontrole, en concludeert dat de Groep inzake dergelijke blootstellingen voldoende verplichtingen opgenomen heeft in haar geconsolideerde jaarrekening. Overeenkomstig acht Bekaert het onwaarschijnlijk dat mogelijke belastingrisico's bovenop de bedragen momenteel opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening, een materieel effect zullen hebben op haar financiële positie. Zowel de duurtijd als de positie aangenomen door de Bekaert Jaarverslag 2025 − 108 − belastingautoriteiten geven aanleiding tot onzekerheid en een risico dat kan leiden tot een aanpassing in het volgende boekjaar van de opgenomen bedragen voor belastingschulden gerelateerd aan onzekere belastingposities. Bekaert heeft per jaareinde 2025 onzekere belastingposities opgenomen ten bedrage van € 30,4 miljoen (2024: € 42,6 miljoen). Zie ook toelichting 6.21. "Belastingposities".
3.3. Impact van macro-economische evolutie en klimaat
Impact van de macro-economische evolutie
De evolutie van de macro-economische omgeving heeft ondernemingen overal ter wereld beïnvloed. De Groep heeft de risico's in verband met die ontwikkelingen in kaart gebracht en heeft maatregelen genomen om ze te beperken, zoals beschreven in de Corporate Governance verklaring - hoofdstuk "Algemene interne controle en ERM" van dit verslag.
Toenemende politieke risico's en regelgevingsrisico's
De toenemende wereldwijde trend van protectionisme, de voortdurende veranderingen in het handelsbeleid en de handelsspanningen tussen specifieke landen en regio's creëren zowel risico's als kansen voor Bekaert. In 2025 zorgden de steeds veranderende Amerikaanse staaltarieven voor spanningen en onzekerheid. Om de uitdagingen van de tarieven het hoofd te bieden, heeft Bekaert haar wereldwijde aanwezigheid benut door gebruik te maken van lokale productiecapaciteit en de toeleveringsketens van leverancier tot klant aan te passen. Omdat de tarieven onzekerheid creëerden en de vraag ondermijnden, nam Bekaert maatregelen om kostenefficiënt te blijven en de flexibiliteit te vergroten. In deze context leverde Bekaert in 2025 een veerkrachtige prestatie. De kasstroom was zeer sterk (vrije kasstroom van € 314 miljoen) en werd ondersteund door werkkapitaalreductie en kostenbesparingen. Besparingen op overheadkosten en verbeteringen in de operationele efficiëntie beperkten grotendeels de impact van de lagere omzet op de onderliggende EBIT-marge, die 8,0% bedroeg.
Toenemende risico's als gevolg van impact op vraag en inflatoire kostendruk door economische crisissen, evenals de impact op disconteringsvoeten
Impactvolle veranderingen in de vraag kunnen sectoren beïnvloeden die relevant zijn voor Bekaert. Een crisis of recessie kan leiden tot een vraagdaling als gevolg van een zwak consumentenvertrouwen en uitgestelde investeringen. De daaruit voortvloeiende overcapaciteit stroomopwaarts en stroomafwaarts kan leiden tot prijserosie in de hele toeleveringsketen. Om deze risico's te beperken, herpositioneert Bekaert haar activiteiten in de richting van segmenten met hogere waardeproposities die veel minder beïnvloed worden door cycliciteit. De groep implementeert ook maatregelen om kostenconcurrerend te zijn, kosten te verlagen en kosteninflatie door te rekenen.
Bij de waardering van de vaste prestatie regelingen van de Groep worden de belangrijkste actuariële veronderstellingen ook beïnvloed door de macro-economische evolutie. De details van deze waarderingen zijn opgenomen in toelichting 6.16. "Voorzieningen voor personeelsbeloningen". Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen bedroegen in 2025 € 11,2 miljoen en waren het gevolg van een winst van € 5,7 miljoen op fondsbeleggingen die een positief rendement weerspiegelden en € 5,5 miljoen winst op de brutoverplichting. Dit laatste kan worden opgesplitst in winst van € 8,6 miljoen als gevolg van wijzigingen in financiële assumpties die de hogere disconteringsvoeten weerspiegelden, verlies van € 0,4 miljoen als gevolg van wijzigingen in demografische assumpties en een verlies van € 2,7 miljoen aan passiva als gevolg van ervaringsaanpassingen.
Toenemende risico's als gevolg van evoluerende technologieën
Ingrijpende technologische veranderingen en toegenomen concurrentie op dit gebied, in combinatie met lage kosten concurrentie, kunnen gevolgen hebben voor sectoren die relevant zijn voor Bekaert, zoals de mobiliteits-, energie- en nutssector, en de mijnbouw-, bouw- en infrastructuursector. Bekaert is ook onderhevig aan onzekere marktgroei in sectoren zoals groene energie, wat de groeistrategie en de uitvoering daarvan verder negatief kan beïnvloeden. Zo is de groei in de markt voor groene waterstofproductie aanzienlijk vertraagd door vertragingen in de implementatie van regelgeving in Europa en Noord-Amerika. Als gevolg hiervan was het noodzakelijk om de activiteiten van de Groep aan te passen aan de vraagverwachtingen. Dit leidde tot een eenmalige bijzondere waardevermindering van € -55 miljoen in het segment Specialty Businesses in 2025 (zie toelichting 5.2. "Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie").
Impact van klimaatveranderingen en ecologische voetafdruk
Om de markt- en technologiepositionering in groene energie en duurzame eindmarkten verder Bekaert Jaarverslag 2025 − 109 − te ondersteunen, bouwt Bekaert sleutelposities uit in elk specifiek business ecosysteem. Voorbeelden hiervan zijn onze samenwerking met belangrijke bandenproducenten om het gebruik van staal met een hoog gehalte aan gerecycleerd materiaal te verhogen wat bijdraagt tot de circulaire economie, onze deelname aan het technologie- en innovatiegedreven ECO2Fuel- project, gericht op het bevorderen van decarbonisatie, en onze lopende samenwerkingen met belangrijke leveranciers van afmeer- en hijsmateriaal om de inspectie van touwen te revolutioneren wat aanzienlijke voordelen oplevert zoals langere operationele veiligheid, langere levensduur van touwen, verhoogde productiviteit en duurzaamheid. De Groep zal elektrificatie, het gebruik van biobrandstoffen en/ of groene waterstof verder onderzoeken en evalueren naarmate de technologie zich verder ontwikkelt. De Groep heeft zonnepanelen geïnstalleerd op haar fabriek in Suzhou (China) met een totale capaciteit van 1 megawattpiek (MWp) om haar CO2-uitstoot te verminderen en te compenseren. Daarnaast is de installatie van zonnepanelen op drie andere fabrieken in China, België en Italië gepland voor medio 2026. De Groep investeerde in 2025 ook in kapitaaluitgaven ter ondersteuning van ecologisch duurzame activiteiten (zie toelichting 6.3. "Materiële vaste activa" en het hoofdstuk "EU-Taxonomie Key Performance Indicators" in de milieuverklaringen). Op basis van de huidige datamodellen en beschikbare inzichten voor de middellange termijn verwacht de Groep niet dat de klimaatverandering een invloed zal hebben op de waardering of de gebruiksduur van de vlottende vaste activa.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 110 −
4. Segmentrapportering
Staaldraad transformeren en bedrijfseigen deklaagoplossingen toepassen, dat zijn onze kernactiviteiten. Afhankelijk van de wensen van onze klanten trekken we draad in diverse diameters en sterktes, zelfs tot ultrafijne vezels van één micron.We bundelen draden tot koord, kabels en strengen, weven of breien ze tot een weefsel of verwerken ze tot een eindproduct. De coatings die we aanbrengen verminderen wrijving, verbeteren de corrosiebestendigheid of bevorderen de adhesie met andere materialen. We ontwikkelen ook producten en oplossingen die zijn gemaakt van andere metalen en materialen. Dit is onderdeel van onze strategie om creativiteit te stimuleren beyond steel.
Bekaert gebruikt een business segmentatie om de aard en de financiële prestaties van het bedrijf als geheel te evalueren, in overeenstemming met de manier waarop de financiële prestaties worden gerapporteerd aan de chief operating decision maker (Bekaert Group Executive (BGE)). De divisies (BU) van de Groep worden gekenmerkt door BU-specifieke product- en marktprofielen, industrietrends, kostenfactoren en technologienoden die aangepast zijn aan de specifieke industrievereisten. Meer informatie over de segmenten vindt u in het deel "Onze divisies" van dit verslag. De volgende vier divisies worden gepresenteerd:
- Rubberversterking (RR): 44% van de geconsolideerde omzet aan derden (2024: 43%)
- Staaldraadtoepassingen (SWS): 27% van de geconsolideerde omzet aan derden (2024: 27%)
- Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG): 14% van de geconsolideerde omzet aan derden (2024: 16%)
- Specialty Businesses (SB): 15% van de geconsolideerde omzet aan derden (2024: 14%)
De divisie Specialty Businesses (SB) is een samenvoeging van subdivisie Duurzame Bouw en andere subdivisies (waaronder vezeltechnologieën, verbrandingstechnologie en slangendraadversterking). Alle subsegmenten vertonen vergelijkbare economische kenmerken, aangezien ze gezamenlijk een hoogwaardig portfolio beheren en bedienen van geavanceerde technologieën, lichtgewicht oplossingen en milieuvriendelijke toepassingen.
(Afbeelding: Cirkeldiagram met segmentverdeling)
15% Specialty Businesses
14%
44% Rubberversterking
Bridon-Bekaert Ropes Group
27% Staaldraadtoepassingen
Bekaert Jaarverslag 2025 − 111 −
4.1. Kerncijfers per rapporteringssegment
Enkel de elementen van het kapitaalgebruik (immateriële activa, goodwill, materiële vaste activa, recht- op-gebruik vaste activa en de elementen van het operationeel werkkapitaal) worden toegewezen aan de verscheidene segmenten. Alle andere activa en verplichtingen worden gerapporteerd als ‘niet-toegewezen activa en verplichtingen’.
‘Groep’ omvat voornamelijk de functionele eenheid innovatie en technologie, engineering en niet-doorgerekende kosten voor groepsmanagement en -diensten; het is geen rapporteerbaar segment op zich.
Eventuele verkopen tussen segmenten gebeuren tegen prijzen die beantwoorden aan het arm’s length principe.
Intersegment omvat voornamelijk eliminaties van vorderingen en schulden, van verkopen en van marges op overdrachten van voorraden en van vaste activa en de bijhorende aanpassingen aan afschrijvingen en waardeverminderingen. Er worden geen andere materiële rapportage-items dan de hieronder genoemde verstrekt aan de chief operating decision maker.
| 2024 in duizend € | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Rubber- versterking | Staaldraad- toepassingen | BBRG | Specialty Businesses | Groep | Intersegment | Geconsolideerd | |
| Geconsolideerde omzet aan derden | 1 703 011 | 1 067 530 | 552 245 | 629 939 | 5 090 | — | 3 957 814 |
| Geconsolideerde omzet | 1 725 858 | 1 095 538 | 555 232 | 638 036 | 95 597 | -152 448 | 3 957 814 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 132 143 | 110 328 | 41 804 | 72 925 | -61 899 | 87 729 | 178 206 |
| EBIT - Onderliggend | 149 942 | 113 768 | 49 929 | 87 912 | -54 973 | 1 577 | 348 156 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen¹ | 86 113 | 27 958 | 30 278 | 2 592 | 14 545 | -10 074 | 151 411 |
| Bijzondere waardeverminderingen | -165 | 1 444 | 3 016 | 5 483 | — | — | 9 779 |
| EBITDA | 218 091 | 139 730 | 75 098 | 81 000 | -47 354 | -9 197 | 457 368 |
| Activa van het segment | 1 378 076 | 634 217 | 688 978 | 500 412 | -13 608 | -114 421 | 3 073 654 |
| Niet-toegewezen activa | 1 088 233 | ||||||
| Totaal activa | 4 161 887 | ||||||
| Verplichtingen van het segment | 314 515 | 228 406 | 115 613 | 105 329 | 99 073 | -46 815 | 816 120 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | 1 033 999 | ||||||
| Totaal verplichtingen | 1 850 119 | ||||||
| Kapitaalgebruik | 1 063 562 | 405 811 | 573 365 | 395 083 | -112 681 | -67 605 | 2 257 534 |
| Gemiddeld kapitaalgebruik³ | 1 047 020 | 403 174 | 542 907 | 378 180 | -117 152 | -67 926 | 2 186 204 |
| ROCE³ | 12,6% | 27,4% | 7,7% | 19,3% | — | — | 13,5% |
| Investeringsuitgaven materiële vaste activa | 84 009 | 34 776 | 23 083 | 46 259 | 6 491 | -8 450 | 186 168 |
| Investeringsuitgaven immateriële activa | 4 922 | 754 | 4 171 | 6 807 | 9 527 | -517 | 25 664 |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 1 218 | 47 581 | — | — | — | — | 48 799 |
| Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 43 568 | 145 052 | — | — | — | — | 188 620 |
| Aantal personeelsleden (einde jaar)² | 10 023 | 3 877 | 2 437 | 2 030 | 1 276 | — | 19 643 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 112 −
| 2025 in duizend € | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Rubber- versterking | Staaldraad- toepassingen | BBRG | Specialty Businesses | Groep | Intersegment | Geconsolideerd | |
| Geconsolideerde omzet aan derden | 1 614 177 | 1 017 502 | 517 861 | 550 010 | 6 265 | — | 3 705 815 |
| Geconsolideerde omzet | 1 654 430 | 1 037 206 | 520 145 | 555 597 | 96 631 | -158 193 | 3 705 815 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 102 312 | 50 926 | 31 363 | -14 626 | -45 509 | 10 359 | 134 826 |
| EBIT - Onderliggend | 141 992 | 100 882 | 45 060 | 46 853 | -44 479 | 6 401 | 296 710 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen¹ | 76 893 | 31 497 | 33 273 | 25 643 | 17 929 | -15 953 | 169 281 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 26 805 | 10 048 | 8 108 | 51 795 | 4 762 | — | 101 518 |
| EBITDA | 206 011 | 92 471 | 72 743 | 62 812 | -22 818 | -5 594 | 405 625 |
| Activa van het segment | 1 303 449 | 545 218 | 629 748 | 430 018 | -18 020 | -170 851 | 2 719 562 |
| Niet-toegewezen activa | 1 082 380 | ||||||
| Totaal activa | 3 801 942 | ||||||
| Verplichtingen van het segment | 348 926 | 216 182 | 122 533 | 100 297 | 87 750 | -98 842 | 776 846 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | 927 757 | ||||||
| Totaal verplichtingen | 1 704 603 | ||||||
| Kapitaalgebruik | 954 523 | 329 037 | 507 215 | 329 720 | -105 771 | -72 009 | 1 942 715 |
| Gemiddeld kapitaalgebruik³ | 1 009 042 | 367 424 | 540 290 | 362 402 | -109 226 | -69 807 | 2 100 125 |
| ROCE³ | 10,1% | 13,9% | 5,8% | (4,0%) | — | — | 6,4% |
| Investeringsuitgaven materiële vaste activa | 61 202 | 33 241 | 18 311 | 24 445 | 5 006 | -2 955 | 139 249 |
| Investeringsuitgaven immateriële activa | 3 546 | 2 744 | 3 658 | 6 643 | 13 595 | -155 | 30 031 |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen | -2 104 | 40 398 | — | — | — | — | 38 294 |
| Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 39 388 | 140 805 | — | — | — | — | 180 193 |
| Aantal personeelsleden (einde jaar)² | 10 303 | 3 169 | 2 251 | 1 480 | 1 186 | — | 18 389 |
¹ Afschrijvingen en waardeverminderingen omvatten afwaarderingen / (terugnames van afwaarderingen) op voorraden en handelsvorderingen.
² Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten op Bekaert payroll (exclusief tijdelijke werknemers) in geconsolideerde entiteiten.
³ De definitie van ROCE is gewijzigd. Zie "Alternatieve prestatiemaatstaven".
Bekaert Jaarverslag 2025 − 113 −
4.2. Omzet per land
De tabel hieronder toont het relatief gewicht van België (land waar de hoofdzetel van de onderneming is gevestigd), China, India, de Verenigde Staten en Slovakije in termen van omzet en elementen van vaste activa (immateriële activa; goodwill; materiële vaste activa; recht-op-gebruik vaste activa; deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen). "Andere landen" omvat meerdere landen waarvan geen enkel land de drempel van 10% van totale omzet haalde.
| in duizend € | 2024 | % van totaal | 2025 | % van totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Geconsolideerde omzet aan derden | |||||
| vanuit België | 420 886 | 11% | 408 176 | 11% | |
| vanuit China | 752 946 | 19% | 711 359 | 19% | |
| vanuit Indië | 194 300 | 5% | 169 892 | 4% | |
| vanuit de VS | 746 116 | 19% | 767 112 | 21% | |
| vanuit Slovakije | 381 840 | 9% | 366 201 | 10% | |
| vanuit andere landen | 1 461 726 | 37% | 1 283 076 | 35% | |
| Totaal geconsolideerde omzet aan derden | 3 957 814 | 100% | 3 705 815 | 100% | |
| Geselecteerde vaste activa, gelokaliseerd in | |||||
| België | 247 792 | 14% | 217 328 | 14% | |
| in China | 277 359 | 15% | 224 644 | 14% | |
| in Indië | 71 753 | 4% | 65 845 | 4% | |
| in de VS | 177 997 | 10% | 152 317 | 9% | |
| in Slovakije | 136 139 | 8% | 140 292 | 9% | |
| in andere landen | 881 979 | 49% | 798 381 | 50% | |
| Totaal geselecteerde vaste activa | 1 793 018 | 100% | 1 598 806 | 100% |
Bekaerts top 5-klanten vertegenwoordigden samen 21% (2024: 21%) van de totale geconsolideerde omzet van de Groep, terwijl de volgende 5 klanten nog eens 6% (2024: 6%) vertegenwoordigden van de totale geconsolideerde omzet van de Groep. Geen enkele individuele klant bracht 10% bij tot de geconsolideerde omzet.
5. Elementen van de winst-en-verliesrekening
5.1. Netto-omzet
De Groep erkent omzet uit de volgende bronnen: levering van producten en, in beperkte mate, levering van diensten en projecten. Bekaert oordeelt dat de levering van producten de belangrijkste prestatieverplichting is. De Groep erkent omzet op het ogenblik dat de controle over de betrokken producten overgedragen wordt naar de klant. Klanten verwerven controle op het ogenblik van de levering (op basis van de inco terms in voege). Het bedrag dat aan omzet erkend wordt, wordt gecorrigeerd voor variabele vergoedingen zoals volumekortingen. Er wordt geen correctie gemaakt voor teruggaves noch voor garanties gezien de impact op basis van historische informatie als niet materieel geacht wordt. De groep erkent de opbrengsten van projecten over de tijd, waarbij een inputmethode wordt gebruikt om de voortgang van het project te meten. Voor 2025 zijn de inkomsten uit projecten immaterieel in vergelijking met het totale verkoopcijfer. De desaggregatie van opbrengsten op basis van het moment waarop opbrengsten worden opgenomen, d.w.z. op een moment in de tijd of over een periode (gebruikelijk voor engineering activiteiten), brengt niet veel toegevoegde waarde aangezien de verkoop van machines aan derden zeer weinig bijdraagt tot de totale omzet.
| in duizend € | 2024 | % van totaal | 2025 | % van totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Verkoop van goederen | 3 956 894 | 100,0% | 3 704 561 | 100,0% | |
| Verkoop van machines door engineering | 910 | —% | 1 048 | —% | |
| Andere verkopen | 9 | —% | 207 | —% | |
| Netto-omzet | 3 957 814 | 100,0% | 3 705 815 | 100,0% |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 114 −
In de volgende tabel wordt de netto-omzet gedesaggregeerd per sector inclusief een reconciliatie tussen de netto-omzet per sector en de operationele segmenten van de Groep (zie toelichting 4.1. "Kerncijfers per rapporteringssegment¹").# 5.2. Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie
| Sector | 2024¹ in duizend € RR | SWS | BBRG | SB | Groep | Geconsolideerd |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Banden en automobiel | 1 698 691 | 162 652 | 14 734 | 38 011 | — | 1 914 088 |
| Energie en nutsvoorzieningen | — | 293 789 | 130 816 | 25 105 | — | 449 710 |
| Bouw | — | 206 155 | 70 047 | 399 850 | — | 676 052 |
| Consumptiegoederen | — | 86 001 | — | 3 831 | — | 89 832 |
| Landbouw | — | 180 636 | 41 122 | — | — | 221 758 |
| Machinebouw | — | 57 909 | 129 286 | 99 527 | 5 090 | 291 812 |
| Grondstoffen | 4 320 | 80 388 | 166 240 | 63 614 | — | 314 562 |
| Totaal | 1 703 011 | 1 067 530 | 552 245 | 629 938 | 5 090 | 3 957 814 |
| Sector | 2025¹ in duizend € RR | SWS | BBRG | SB | Groep | Geconsolideerd |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Banden en automobiel | 1 614 177 | 138 789 | 15 450 | 28 871 | — | 1 797 287 |
| Energie en nutsvoorzieningen | — | 309 371 | 120 085 | 38 812 | — | 468 268 |
| Bouw | — | 132 746 | 58 704 | 330 515 | — | 521 965 |
| Consumptiegoederen | — | 82 407 | — | — | — | 82 407 |
| Landbouw | — | 204 520 | 36 314 | — | — | 240 834 |
| Machinebouw | — | 74 053 | 146 626 | 97 968 | 6 265 | 324 912 |
| Grondstoffen | — | 75 616 | 140 682 | 53 844 | — | 270 142 |
| Totaal | 1 614 177 | 1 017 502 | 517 861 | 550 010 | 6 265 | 3 705 815 |
¹ RR = Rubber Reinforcement (Rubberversterking); SWS = Steel Wire Solutions (Staaldraadtoepassingen); BBRG = Bridon-Bekaert Ropes Group; SB = Specialty Businesses
5.2. Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie
Omzet en marge op omzet in duizend €
| 2024 | 2025 | verschil (%) | |
|---|---|---|---|
| Omzet | 3 957 814 | 3 705 815 | -6,4% |
| Kostprijs van verkopen | -3 302 558 | -3 223 571 | -2,4% |
| Marge op omzet | 655 256 | 482 244 | -26,4% |
| Marge op omzet in % van omzet | 16,6% | 13,0% |
Bekaert realiseerde een geconsolideerde omzet van € 3,71 miljard in 2025, een daling van -6,4% in vergelijking met 2024 vooral gedreven door de negatieve impact van de doorrekening van lagere inkoopkosten en prijs-mix, een ongunstige invloed van wisselkoersschommelingen en de negatieve impact van desinvesteringen en beëindigde activiteiten. De daling van de organische omzet (-2,7%) werd gedreven door de gecombineerde negatieve impact van het doorrekenen van kosteninflatie en de prijs- mix (-2,5%) en licht gedaalde volumes (-0,2%). De valutabewegingen hadden een negatieve impact van -2,6% (voornamelijk gerelateerd aan schommelingen in de Chinese renminbi en de Amerikaanse dollar). De negatieve impact van desinvesteringen en stopgezette activiteiten bedroeg -1,1%. De marge op omzet van de groep daalde met € -173,0 miljoen in absoluut bedrag (-26,4%), en het margepercentage op omzet daalde tot 13,0% (2024: 16,6%). De daling werd voornamelijk veroorzaakt door een zwakkere vraag in de bouwsector en de eindmarkten voor de energietransitie.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 115 −
Overheadkosten in duizend €
| 2024 | 2025 | verschil (%) | |
|---|---|---|---|
| Commerciële kosten | -158 521 | -140 757 | -11,2% |
| Administratieve kosten | -150 878 | -127 056 | -15,8% |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -56 670 | -59 260 | 4,6% |
| Totaal | -366 070 | -327 072 | -10,7% |
De overheadkosten daalden met € -39,0 miljoen naar € 327,1 miljoen (8,8% op omzet). De daling in absolute waarde van de administratieve kosten (€ 127,0 miljoen in 2025; € 150,9 miljoen in 2024) hield voornamelijk verband met de daling van de loonkosten, consultancy en IT kosten, gedeeltelijk gecompenseerd door een stijging van de eenmalige administratieve kosten. De daling in de absolute waarde van de commerciële kosten (€ 141,0 miljoen in 2025; € 159,0 miljoen in 2024) kon hoofdzakelijk gelinkt worden aan de lagere loonkosten. De daling hield ook gedeeltelijk verband met een wisselkoersimpact van € -4,3 miljoen (voornamelijk gerelateerd aan wisselkoerseffecten in Chinese renminbi en Amerikaanse dollar) en het effect van de uitgaande entiteiten. In 2025 omvatten de verkoopkosten voorzieningen voor oninbare vorderingen (uitgezonderd eenmalige elementen) ten belope van € -1,9 miljoen (2024: € -4,1 miljoen) en terugboekingen van voorzieningen voor oninbare vorderingen (uitgezonderd eenmalige elementen) voor bedragen die wel en niet zijn gebruikt voor € 4,9 miljoen (2024: € 4,1 miljoen). De stijging van de kosten voor onderzoek en ontwikkeling hield voornamelijk verband met bijzondere waardeverminderingen op gekapitaliseerde R&D projecten, gedeeltelijk gecompenseerd door lagere loonkosten.
Andere bedrijfsopbrengsten in duizend €
| 2024 | 2025 | verschil | |
|---|---|---|---|
| Ontvangen royalties | 12 990 | 11 453 | -1 536 |
| Winsten op verkoop van immateriële en materiële vaste activa | 6 508 | 476 | -6 032 |
| Overheidssubsidies | 3 333 | 1 680 | -1 653 |
| Ontvangen vergoedingen voor schadeclaims | 1 261 | 1 302 | 41 |
| Herstructurering | 1 062 | 15 020 | 13 958 |
| Milieu | 60 | 187 | 127 |
| Winsten op afgestoten activiteiten (verkochte belangen) | — | 20 010 | 20 010 |
| Overige opbrengsten | 4 274 | 6 429 | 2 155 |
| Totaal | 29 487 | 56 556 | 27 069 |
De ontvangen royalties namen met -11,8% af ten gevolge van de lagere omzet. Overheidssubsidies hadden voornamelijk betrekking op subsidies in China. Er zijn geen aanwijzingen dat niet aan de voorwaarden voor dergelijke subsidies zal kunnen worden voldaan en dus ook niet dat de subsidies mogelijk teruggestort moeten worden in de toekomst. In 2024 bevatte de winst op de verkoop van materiële vaste activa en immateriële activa de opbrengsten uit de verkoop van activa die niet waren opgenomen in herstructureringsprogramma’s, voornamelijk in België
Andere bedrijfskosten in duizend €
| 2024 | 2025 | verschil | |
|---|---|---|---|
| Betaalde royalties | -834 | -801 | 33 |
| Verliezen op verkoop van immateriële en materiële vaste activa | -1 617 | -977 | 640 |
| Afschrijvingen op immateriële activa | -1 500 | — | 1 500 |
| Bankkosten | -2 227 | -2 104 | 123 |
| Aan belastingen gerelateerde kosten (andere dan winstbelastingen) | 584 | -393 | -977 |
| Bijzondere waardeverminderingen | -677 | -2 006 | -1 329 |
| Herstructurering | -6 453 | -7 685 | -1 233 |
| Milieu | -5 664 | — | 5 664 |
| Verliezen op afgestoten activiteiten | — | -56 600 | -56 600 |
| Overige kosten | -4 108 | -6 335 | -2 226 |
| Totaal | -22 496 | -76 902 | -54 406 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 116 −
In 2025 hadden de ‘Herstructurering – opbrengsten’ voornamelijk betrekking op herstructureringen in België en China en op de winst uit de verkoop van vastgoed in België. De ‘Herstructurering – kosten’ omvatten daarentegen vooral een deel van de kosten die verband houden met het herstructureringsprogramma in het Verenigd Koninkrijk, België en China In 2024 hadden de opbrengsten van Herstructurering voornamelijk betrekking op de herstructurering in Indonesië en de sluiting van de fabriek in Figline (Italië). De andere bedrijfskosten van Herstructurering omvatten daarentegen hoofdzakelijk een deel van de kosten die verband hielden met het herstructureringsprogramma in het Verenigd Koninkrijk en de sluiting van de fabriek in Italië. Het verlies in 2025 van € -36,6 miljoen (winst van € 20,0 miljoen en CTA‑verlies van € -56,6 miljoen) op afgestoten activiteiten had betrekking op de verkoop van de Staaldraadtoepassingen business in Costa Rica, Ecuador en Venezuela in 2025 (zie ook toelichting 7.2 "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten"). De milieukosten in 2024 hielden voornamelijk verband met milieuvoorzieningen voor de sluiting van de fabriek in Figline (Italië).
De volgende tabellen combineren de gerapporteerde en onderliggende resultaten en geven een analyse van de eenmalige elementen per categorie (zoals gedefinieerd in toelichting 2.6. "Alternatieve prestatiemaatstaven"), operationeel segment en element in de winst-en-verliesrekening.
EBIT gerapporteerd en onderliggend
| in duizend € | Omzet | Kostprijs van verkopen | Marge op omzet | Commerciële kosten | Administratieve kosten | Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | Andere bedrijfsopbrengsten | Andere bedrijfskosten | Bedrijfsresultaat (EBIT) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2024 | gerapporteerd | 3 957 814 | -3 302 558 | 655 256 | -158 521 | -150 878 | -56 670 | 29 487 | -22 496 |
| waarvan onderliggend | 3 957 814 | -3 274 039 | 683 775 | -157 427 | -142 601 | -53 409 | 28 177 | -10 360 | |
| waarvan eenmalige elementen | — | -28 518 | -28 518 | -1 094 | -8 277 | -3 262 | 1 310 | -12 136 | |
| 2025 | gerapporteerd | 3 705 815 | -3 223 571 | 482 244 | -140 757 | -127 056 | -59 260 | 56 556 | -76 902 |
| waarvan onderliggend | 3 705 815 | -3 113 574 | 592 241 | -138 560 | -117 113 | -48 936 | 21 340 | -12 261 | |
| waarvan eenmalige elementen | — | -109 997 | -109 997 | -2 197 | -9 943 | -10 324 | 35 217 | -64 641 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 117 −
Eenmalige elementen 2024 in duizend €
| Kostprijs van verkopen | Commerciële kosten | Administratieve kosten | Onderzoek en ontwikkeling | Andere bedrijfsopbrengsten | Andere bedrijfskosten | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Herstructureringsprogramma's per segment | |||||||
| Rubberversterking¹ | -8 010 | 541 | -1 284 | -2 019 | 991 | -2 786 | -12 566 |
| Staaldraadtoepassingen² | -2 954 | -357 | -766 | — | 767 | -130 | -3 440 |
| Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG)³ | -4 374 | -281 | -504 | — | — | -2 966 | -8 125 |
| Specialty Businesses⁴ | -12 816 | -869 | -527 | -306 | — | -471 | -14 988 |
| Groep⁵ | -366 | -127 | -2 311 | -938 | 4 | -100 | -3 837 |
| Intersegment | — | — | — | — | -700 | — | -700 |
| Totaal herstructureringsprogramma's | -28 518 | -1 094 | -5 392 | -3 262 | 1 062 | -6 453 | -43 657 |
| Milieuprovisies/(terugdraai van provisies) | |||||||
| Rubberversterking⁶ | — | — | — | — | — | -5 232 | -5 232 |
| Groep | — | — | — | — | 60 | -432 | -371 |
| Totaal milieuprovisies/ (terugdraai van provisies) | — | — | — | — | 60 | -5 664 | -5 604 |
| Andere gebeurtenissen en transacties | |||||||
| Groep⁷ | — | — | -2 886 | — | 188 | -20 | -2 717 |
| Totaal andere gebeurtenissen en transacties | — | — | -2 886 | — | 188 | -20 | -2 717 |
| Totaal | -28 518 | -1 094 | -8 277 | -3 262 | 1 310 | -12 136 | -51 978 |
¹ Had voornamelijk betrekking op de sluiting van de Figline fabriek (Italië), sluitings- en ontslagkosten in China en ontslagkosten in België.
² Had voornamelijk betrekking op bijzondere waardeverminderingen in China, herstructurering in Indonesië en ontslagkosten in Latijns- Amerika en België.
³ Had betrekking op de herstructurering in het Verenigd Koninkrijk.
⁴ Had voornamelijk betrekking op herstructurering in China, Nederland en België.
⁵ Had voornamelijk betrekking op ontslagkosten in China en België.
⁶ Had betrekking op de sluiting van de Figline fabriek (Italië).
⁷ Aan acquisities gerelateerde administratieve kosten.# Eenmalige elementen 2025 in duizend €
| Kostprijs van verkopen | Commerciële kosten | Administratieve kosten | Onderzoek en ontwikkeling | Andere bedrijfs- opbrengsten | Andere bedrijfs- kosten | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Herstructureringsprogramma's per segment | |||||||
| Rubberversterking¹ | -34 815 | -621 | -2 377 | 44 | 494 | -180 | -37 455 |
| Staaldraadtoepassingen² | -10 576 | 11 | -345 | -2 460 | — | 6 | -13 365 |
| Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG)³ | -6 501 | -600 | -296 | -1 962 | 400 | — | -13 702 |
| Specialty Businesses⁴ | -59 818 | -754 | -1 189 | -115 | 2 579 | -2 166 | -61 463 |
| Groep⁵ | -413 | -232 | -4 135 | -5 831 | 11 548 | -602 | 335 |
| Intersegment | 3 958 | — | — | — | — | — | 3 958 |
| Totaal herstructureringsprogramma's | -108 165 | -2 197 | -8 342 | -10 324 | 15 020 | -7 685 | -121 692 |
| Bijzondere waardeverminderingen/ (terugdraai van bijzondere waardeverminderingen) behalve i.v.m. herstructurering | |||||||
| Rubberversterking⁶ | -1 653 | — | — | — | — | — | -1 653 |
| Totaal andere bijzondere waardeverminderingen/ (terugdraai van bijzondere waardeverminderingen) | -1 653 | — | — | — | — | — | -1 653 |
| Afstoting van activiteiten | |||||||
| Staaldraadtoepassingen⁷ | — | — | — | — | 20 010 | -56 600 | -36 591 |
| Totaal afstoting van activiteiten | — | — | — | — | 20 010 | -56 600 | -36 591 |
| Milieuprovisies/(terugdraai van provisies) | |||||||
| Groep | — | — | — | — | 187 | — | 187 |
| Totaal milieuprovisies/ (terugdraai van provisies) | — | — | — | — | 187 | — | 187 |
| Andere gebeurtenissen en transacties | |||||||
| Rubberversterking | -171 | — | -62 | — | — | -339 | -572 |
| Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) | — | — | 5 | — | — | — | 5 |
| Specialty Businesses | -8 | — | -7 | — | — | — | -15 |
| Groep⁸ | — | — | -1 537 | — | — | -16 | -1 553 |
| Totaal andere gebeurtenissen en transacties | -180 | — | -1 601 | — | — | -355 | -2 135 |
| Totaal | -109 997 | -2 197 | -9 943 | -10 324 | 35 217 | -64 641 | -161 884 |
¹ Had voornamelijk betrekking op sluitings- en ontslagkosten (waaronder bijzondere waardeverminderingen) in China en herstructurering in Europa (zie toelichting 6.1. "Immateriële vaste activa" en toelichting 6.3. "Materiële vaste activa").
² Had voornamelijk betrekking op herstructureringskosten (waaronder bijzondere waardeverminderingen) in België (zie toelichting 6.1. "Immateriële vaste activa" en toelichting 6.3. "Materiële vaste activa").
³ Had voornamelijk betrekking op de herstructurering in het Verenigd Koninkrijk.
⁴ Had voornamelijk betrekking op de tijdelijke stopzetting van waterstofactiviteiten in België en herstructurering in China (zie toelichting 6.1. "Immateriële vaste activa" en toelichting 6.3. "Materiële vaste activa").
⁵ Had voornamelijk betrekking op herstructureringskosten en winst op verkoop van eigendom in België.
⁶ Had betrekking op de fabriek in Rusland.
⁷ Had betrekking op de verkoop van de Staaldraadtoepassingen in Costa Rica, Ecuador en Venezuela (zie toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten").
⁸ Had voornamelijk betrekking op administratieve kosten gerelateerd aan acquisities.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 118 −
5.3. Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten
De belangrijkste bedrijfsopbrengsten en -kosten van de Groep per functie in 2025 waren als volgt: in duizend €
| Verkopen | Goederen & materialen | Handling- en vrachtkosten | Diensten en overige kosten | Personeels- kosten | Afschrijvingen, waardevermin- deringen en bijzondere waardevermin- deringen | Andere | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 3 705 815 | 3 705 815 | ||||||
| Kostprijs van verkopen | -1 722 295 | -185 103 | -409 636 | -591 056 | -232 542 | -82 940 | -3 223 571 | |
| Commerciële kosten | 278 | -1 742 | -35 493 | -89 419 | -4 051 | -10 329 | -140 757 | |
| Administratieve kosten | -251 | -683 | -63 628 | -104 469 | -14 749 | 56 725 | -127 056 | |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -3 833 | -175 | -9 550 | -39 281 | -14 165 | 7 744 | -59 260 | |
| Andere bedrijfsitems | -460 | -183 | -16 174 | -5 586 | -5 577 | 7 634 | -20 346 | |
| TOTAL 2025 | 3 705 815 | -1 726 561 | -187 887 | -534 480 | -829 811 | -271 084 | -21 167 | 134 826 |
| TOTAL 2024 | 3 957 814 | -1 816 367 | -208 561 | -567 298 | -871 625 | -161 191 | -36 593 | 296 178 |
Door de wijziging van de rapporteringstool kan de groep vanaf 2025 de bedrijfskosten per functie toelichten. De bijzondere waardeverminderingen van 2025 hadden voornamelijk betrekking op waardeverminderingen van PP&E in China, Italië en België. In 2024 hadden de bijzondere waardeverminderingen betrekking op de afwaardering van materiële vaste activa in China, Verenigd Koninkrijk en Nederland. De waardeverminderingen omvatten waardeverminderingen / (terugnemingen van waardeverminderingen) op voorraden en handelsvorderingen.
5.4. Renteopbrengsten en -lasten in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Renteopbrengsten van financiële activa niet gewaardeerd tegen RWvR | 18 299 | 10 882 |
| Renteopbrengsten | 18 299 | 10 882 |
| Rentelasten van financiële verplichtingen niet gewaardeerd tegen RWvR | -33 476 | -28 294 |
| Overige schuldgerelateerde rentelasten | -983 | -1 790 |
| Schuldgerelateerde rentelasten | -34 459 | -30 084 |
| Rentegedeelte op de netto toegezegde pensioenverplichting | -3 539 | -1 913 |
| Rentelasten | -37 998 | -31 997 |
| Totaal | -19 699 | -21 115 |
De rente-inkomsten zijn gedaald in vergelijking met de opbrengsten van 2024, als gevolg van de lagere rentetarieven en de lagere kaspositie van de groep. De rentelasten zijn gedaald in vergelijking met de kosten van 2024, als gevolg van een lagere uitstaande schuldpositie van de groep. Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als aangehouden als tegen reële waarde via het resultaat (RWvR) hebben betrekking op alle schuldinstrumenten van de Groep, andere dan renterisicobeperkende derivaten aangemerkt als economische afdekkingen. De nettoverplichting uit hoofde van vaste prestatie regelingen bedroeg € -1,9 miljoen (2024: € -3,5 miljoen) (zie toelichting 6.16. "Voorzieningen voor personeelsbeloningen"). In 2025 waren er geen rentelasten met betrekking tot overige voorzieningen (ook in 2024 was er geen impact op overige voorzieningen) (zie toelichting 6.17. "Overige voorzieningen").
Bekaert Jaarverslag 2025 − 119 −
5.5. Overige financiële opbrengsten en lasten in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Waardeaanpassingen van derivaten | 8 346 | 3 226 |
| Wisselresultaten op afgedekte posities | -914 | -6 410 |
| Nettoimpact van derivaten en afgedekte posities | 7 432 | -3 185 |
| Overige wisselresultaten | -11 326 | -14 152 |
| Winsten & verliezen op verkoop van financiële vaste activa | — | 13 |
| Dividenden van niet-geconsolideerde deelnemingen | 490 | 1 281 |
| Bankkosten en heffingen op financiële transacties | -14 379 | -11 332 |
| Bijzondere waardeverminderingen op overige vorderingen | 11 | — |
| Overige | -1 085 | 126 |
| Totaal | -18 857 | -28 083 |
Waardeaanpassingen omvatten de wijzigingen in reële waarde van alle derivaten die niet als kasstroomafdekkingen worden aangemerkt. Wisselresultaten op afgedekte posities hebben ook enkel betrekking op economische afdekkingen. De hier getoonde netto-impact van derivaten en afgedekte posities omvat geen effecten die opgenomen werden in andere rubrieken van de winst-en-verliesrekening zoals rentelasten, kostprijs van verkopen of andere bedrijfsopbrengsten en -kosten. In 2025 omvatten waardeaanpassingen van derivaten een reëel waardewinst van € +4,1 miljoen, gedeeltelijk gecompenseerd met een verlies gerelateerd aan een overeenkomst tot virtuele aankoop van energie (Virtual Power Purchase Agreement - VPPA) bedroeg € -0,9 miljoen. In 2024 omvatten de waardeaanpassingen aan derivaten een reëel waardeverlies van € -5,9 miljoen, maar gedeeltelijk gecompenseerd met een winst van € +14,2 miljoen, gerelateerd aan een Virtual Power Purchase Agreement (VPPA). Voor meer details betreffende de impact van derivaten en afgedekte posities, zie toelichting 7.3. "Beheer van financiële risico’s en derivaten". De overige wisselkoersresultaten in 2025 bedroegen € -14,1 miljoen en hielden voornamelijk verband met de devaluatie van de Turkse lira, de Indische rupee en de Chileense peso, resulterend in niet- gerealiseerde en gerealiseerde valutaresultaten op werkkapitaalposten en intercompany leningen. De bankkosten en belastingen op financiële transacties omvatten kosten die verband houden met de factoringprogramma's (€ -11,3 miljoen). Alle dividenden van niet-geconsolideerde deelnemingen hebben betrekking op deelnemingen die zijn aangehouden tot op balansdatum aangezien er geen aandelen zijn verkocht gedurende het jaar.
5.6. Winstbelastingen in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Verschuldigde belastingen over het lopend jaar | -71 846 | -70 466 |
| Verschuldigde belastingen over de voorbije jaren | 1 036 | 6 353 |
| Verschuldigde belastingen voor onzekere belastingposities | 94 | 12 252 |
| Uitgestelde belastingen - wegens wijzigingen in tijdelijke verschillen | -16 464 | -14 412 |
| Uitgestelde belastingen - wegens wijzigingen in belastingvoeten | -337 | 652 |
| Uitgestelde belastingen - aanpassingen inzake overgedragen verliezen van voorbije jaren | -2 920 | -1 117 |
| Uitgestelde belastingen - aanwending van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen | 27 582 | 7 552 |
| Totale belastinglast | -62 856 | -59 186 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 120 −
Verband tussen de totale belastinglast en winst vóór belastingen
In onderstaande tabel wordt de winst vóór belastingen getoond als resultaat vóór belastingen. in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Resultaat vóór belastingen | 257 622 | 85 627 |
| Belastinglast op resultaten van fiscale entiteiten tegen de theoretische lokale belastingvoet van de betrokken landen | -64 292 | -20 986 |
| Theoretische belastingvoet ¹ | -25,0% | -24,5% |
| Belastingimpact van: | ||
| Fiscaal niet-aftrekbare uitgaven | -13 072 | -10 846 |
| Andere belastingvoeten en speciale belastingregimes ² | 15 129 | 4 744 |
| Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen ³ | -11 673 | -23 025 |
| Aanwending of opname van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen ⁴ | 27 582 | 7 552 |
| Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in belastingvoeten | -337 | 652 |
| Belastingen met betrekking tot voorgaande jaren ⁵ | -1 884 | 5 236 |
| Fiscaal vrijgestelde inkomsten | 3 552 | — |
| Roerende voorheffing i.v.m. dividenden, royalty's, rente en diensten | -13 409 | -11 548 |
| Overige⁶ | -4 452 | -10 964 |
| Totale belastinglast | -62 856 | -59 186 |
| Werkelijke belastingvoet | -24,4% | -69,1% |
¹ De theoretische belastingvoet wordt berekend als een gewogen gemiddelde, rekening houdend met de resultaten vóór belastingen in verschillende landen met verschillende belastingvoeten.
² In 2025 hadden de speciale belastingregimes vooral betrekking op belastingstimulansen in België, net zoals in 2024.3 In 2025 hadden niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen voornamelijk betrekking op de niet-opname van uitgestelde belastingvorderingen boven de realiseerbaarheidsbeoordeling in België en de niet-opname in fabrieken waarvan de sluiting was aangekondigd, net zoals in 2024. 4 In 2025 was de beweging vooral een gevolg van de opname in China, Canada en Nederland van uitgestelde belastingvorderingen die voorheen niet erkend werden, alsook het gebruik van overgedragen verliezen. 5 In 2025 hadden de belastingen met betrekking tot voorgaande jaren vooral betrekking op het afwikkelen van belastingcontroles in Indonesië en China, terwijl in 2024 de belastingen met betrekking tot voorgaande jaren verband hadden met diverse landen. 6 In 2025 hadden de overige bedragen voornamelijk betrekking op de impact van het verlies op verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Zie ook toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten".
5.7. Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen
In 2025 reflecteerde het aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde deelnemingen de daling van de prestaties van de Rubberversterking activiteiten in Brazilië in vergelijking met de sterke prestaties in 2024, alsook de daling van de prestaties van de Staaldraadtoepassingen activiteiten in Brazilië in vergelijking met 2024. De verslechtering van de performantie werd versterkt door de daling in waarde van de Braziliaanse real ten opzichte van de euro (gemiddelde koers daalde van 2024 naar 2025 met 8,3%). Deze daling in YTD gemiddelde koers van 2025 ten opzichte van 2024 was het gevolg van een aanzienlijke daling in de loop van 2025 volgend op de daling die plaats vond in de loop van 2024. Aanvullende informatie met betrekking tot de Braziliaanse joint ventures wordt verstrekt onder toelichting 6.5. ‘Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen’.
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Joint ventures | ||
| Belgo Bekaert Arames Ltda Brazilië | 47 751 | 40 461 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda Brazilië | 1 218 | -2 104 |
| Servicios Ideal AGF Inttegra Cía Ltda Ecuador | -170 | -63 |
| Totaal | 48 799 | 38 294 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 121 −
5.8. Winst per aandeel
| 2024 | 2025 | ||
|---|---|---|---|
| Aantal | Aantal | ||
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) | 52 403 989 | Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) | 50 700 732 |
| Verwateringseffect van op aandelen gebaseerde betalingsregelingen | 127 778 | Verwateringseffect van op aandelen gebaseerde betalingsregelingen | 93 320 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) | 52 531 767 | Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) | 50 794 052 |
| in duizend € | Basis-berekening | Na verwaterings- effect | in duizend € | Basis-berekening | Na verwaterings- effect |
|---|---|---|---|---|---|
| Perioderesultaat toerekenbaar aan gewone aandeelhouders | 238 904 | 238 904 | Perioderesultaat toerekenbaar aan gewone aandeelhouders | 67 356 | 67 356 |
| Winst | 238 904 | 238 904 | Winst | 67 356 | 67 356 |
| Winst per aandeel (in €) | 4,559 | 4,548 | Winst per aandeel (in €) | 1,329 | 1,326 |
De winst per aandeel (earnings per share, EPS) is het bedrag van de winst na belastingen toewijsbaar aan elk aandeel. De basisberekening van de winst per aandeel komt overeen met het resultaat van de periode toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen gedurende het jaar. De winst per aandeel na verwateringseffect weerspiegelt de verbintenissen van de Groep tot het uitgeven van aandelen in de toekomst. Daartoe behoren in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde plannen (inschrijvingsrechten, opties, prestatieaandelen en matching shares, zie toelichting 6.13. "Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen"). Inschrijvingsrechten, opties en andere op aandelen gebaseerde regelingen zijn slechts dilutief in de mate dat hun uitoefenprijs lager is dan de gemiddelde slotkoers van de periode, waarbij in de uitoefenprijs ook de reële waarde van nog te leveren diensten tijdens de resterende wachtperiode is inbegrepen. Voorwaardelijke uit te geven aandelen (bijv. prestatieaandelen) zijn alleen dilutief als aan de voorwaarden is voldaan op balansdatum. Het verwateringseffect van op aandelen gebaseerde regelingen beperkt zich tot het gewogen gemiddeld aantal aandelen op te nemen in de noemer van de EPS-ratio; er is geen effect op de winst op te nemen in de teller van de EPS-ratio. Om de impact van verwatering te berekenen, wordt er verondersteld dat alle potentieel dilutieve aandelen werden uitgeoefend bij het begin van de periode, of, als de instrumenten uitgegeven werden gedurende de periode, op uitgiftedatum. Dit resulteerde in een totaal verwateringseffect van € -0,002 per aandeel (2024: € -0,01). De gemiddelde slotkoers tijdens 2025 was € 35,67 per aandeel (2024: € 40,30 per aandeel). Volgende tabel toont alle niet-dilutieve instrumenten tijdens de verslagperiode. Opties en inschrijvingsrechten waren out of the money aangezien de uitoefenprijs hoger lag dan de gemiddelde slotkoers, terwijl prestatieaandelen niet-dilutief waren doordat de prestatiedoelstelling niet was voldaan of nog onvoldoende diensten werden geleverd.
Niet-dilutieve instrumenten
| Datum van toekenning | Uitoefenprijs (in €) | Aantal toegekend | Aantal uitstaand |
|---|---|---|---|
| SOP 2015-2017 - opties | 13.01.2017 | 39,43 | 273 325 |
| PSP 2022-2025 | 26.08.2025 | 44,78 | 14 980 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 122 −
6. Balanselementen
6.1. Immateriële activa
Aanschaffingswaarde in duizend €
| Licenties, patenten en soortgelijke rechten | Computer software | Commerciële activa | Overige | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2024 | 27 584 | 113 251 | 57 119 | 22 189 | 220 143 |
| Aanschaffingen | 117 | 16 128 | — | 9 419 | 25 664 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | — | -275 | — | — | -275 |
| Overdrachten ¹ | 33 | 1 674 | -862 | -646 | 199 |
| Eerste consolidatie | 10 425 | — | 1 125 | — | 11 550 |
| Omrekeningswinsten en verliezen (-) | 185 | 1 079 | 2 779 | 1 191 | 5 233 |
| Per 31 december 2024 | 38 343 | 131 857 | 60 160 | 32 153 | 262 513 |
| Per 1 januari 2025 | 38 343 | 131 857 | 60 160 | 32 153 | 262 513 |
| Aanschaffingen | 126 | 18 606 | — | 11 299 | 30 031 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | — | -5 517 | — | -162 | -5 679 |
| Overdrachten ¹ | 8 | 860 | -5 763 | — | -1 995 |
| Eerste consolidatie | 74 | 61 | — | 626 | 762 |
| Uit consolidatie genomen | -46 | -983 | -1 638 | -393 | -3 060 |
| Omrekeningswinsten en-verliezen (-) | -258 | -2 385 | -3 756 | -2 208 | -8 608 |
| Per 31 december 2025 | 47 099 | 135 875 | 54 766 | 39 321 | 277 061 |
¹ Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van "Immateriële activa" en "Materiële vaste activa" (zie toelichting 6.3.) en "Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa" (zie toelichting 6.4.) worden opgeteld.
De nieuw verworven immateriële vaste activa hadden betrekking op gecapitaliseerde O&O kosten in België (zie toelichting 5.2. "Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie"), de Twincon licentie voor recyclage van staalvezels en de aanschaffingen van software met betrekking tot de omvangrijke implementatie van de ‘digital roadmap’ in diverse domeinen (verkoop, toeleveringsketen, productie, aankoop, financiën, HR, enz.) en omvatten € 8,3 miljoen interne kosten gelinkt aan ontwikkelde software. Het resterende bedrag werd extern aangekocht. De uit consolidatie genomen immateriële vaste activa hadden betrekking op de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Zie ook toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten". In 2025 werden bijzondere waardeverminderingen genomen op de waterstofactiviteiten (Specialty Businesses) en op gekapitaliseerde O&O binnen Staaldraadtoepassingen, voornamelijk als gevolg van tijdelijke stopzettingen van productie (zie toelichting 5.2. "Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie"). Op balansdatum waren er geen immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 123 −
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen in duizend €
| Licenties, patenten en soortgelijke rechten | Computer software | Commerciële activa | Overige | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2024 | 23 082 | 81 765 | 32 976 | 13 649 | 151 473 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 2 663 | 7 271 | 3 691 | 537 | 14 163 |
| Bijzondere waardeverminderingen | — | — | — | 447 | 447 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | — | -275 | — | — | -275 |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | 48 | 990 | 1 712 | 1 077 | 3 828 |
| Per 31 december 2024 | 25 793 | 89 752 | 38 379 | 15 711 | 169 636 |
| Per 1 januari 2025 | 25 793 | 89 752 | 38 379 | 15 711 | 169 636 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 1 578 | 8 510 | 3 476 | 1 386 | 14 951 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 9 615 | 363 | — | 5 375 | 15 353 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | — | -5 509 | — | -78 | -5 587 |
| Uit consolidatie genomen | -46 | -983 | -1 638 | -393 | -3 060 |
| Omrekeningswinsten (-) en-verliezen | -157 | -2 134 | -2 748 | -2 019 | -7 058 |
| Per 31 december 2025 | 36 783 | 89 998 | 37 470 | 19 983 | 184 234 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2024 | 12 550 | 42 105 | 21 781 | 16 442 | 92 877 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2025 | 10 316 | 45 877 | 17 297 | 19 338 | 92 827 |
6.2. Goodwill
Deze toelichting behelst hoofdzakelijk goodwill op verwerving van dochterondernemingen. Goodwill met betrekking tot joint ventures en geassocieerde ondernemingen zit vervat in toelichting 6.5. "Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen".
Aanschaffingswaarde in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 157 318 | 171 608 |
| Toenames | 13 967 | 560 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) | 323 | -2 773 |
| Per 31 december | 171 608 | 169 395 |
Bijzondere waardeverminderingen in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 5 246 | 5 202 |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | -45 | -393 |
| Per 31 december | 5 202 | 4 808 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2024 | 166 406 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2025 | 164 587 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 124 −
Goodwill per kasstroomgenererende eenheid
De goodwill verworven ten gevolge van een bedrijfscombinatie wordt bij acquisitie toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden waarvan verwacht wordt dat zij voordeel zullen halen uit deze bedrijfscombinatie.De nettoboekwaarde van de goodwill en de eraan verbonden bewegingen van de periode zijn als volgt toegewezen:
2024 in duizend €
| Groep van kasstroomgenererende eenheden | Nettoboekwaarde per 1 januari | Toename | Uit consolidatie genomen | Omrekenings -verschillen | Nettoboekwaarde per 31 december |
|---|---|---|---|---|---|
| Dochterondernemingen | |||||
| SWS Bekaert Bradford UK Ltd | 2 575 | — | — | 124 | 2 699 |
| SB Verbrandingstechnologie - verwarming EMEA | 3 027 | — | — | — | 3 027 |
| SB Bouwproducten | 71 | 560 | — | — | 631 |
| RR Rubberversterkingsproducten | 4 255 | — | — | — | 4 255 |
| SWS Productie-eenheid Orrville (USA) | 10 616 | — | — | 675 | 11 291 |
| SWS Bekaert Ideal SL vennootschappen | 871 | — | — | — | 871 |
| SWS Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd | 385 | — | — | — | 385 |
| SWS Bekaert Jiangyin Wire Products Co Ltd | 47 | — | — | — | 47 |
| BBRG BBRG | 130 224 | 13 967 | — | -432 | 143 759 |
| Subtotaal | 152 072 | 13 967 | — | 368 | 166 406 |
| Joint ventures en geassocieerde ondernemingen | |||||
| SWS Belgo Bekaert Arames Ltda | 2 803 | — | — | -464 | 2 339 |
| RR BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | 1 714 | — | — | -284 | 1 430 |
| Subtotaal | 4 517 | — | — | -748 | 3 769 |
| Totaal | 156 589 | 13 967 | — | -380 | 170 175 |
2025 in duizend €
| Groep van kasstroomgenererende eenheden | Nettoboekwaarde per 1 januari | Toename | Uit consolidatie genomen | Omrekenings -verschillen | Nettoboekwaarde per 31 december |
|---|---|---|---|---|---|
| Dochterondernemingen | |||||
| SWS Bekaert Bradford UK Ltd | 2 699 | — | — | -134 | 2 565 |
| SB Verbrandingstechnologie - verwarming EMEA | 3 027 | — | — | — | 3 027 |
| SB Bouwproducten | 71 | 560 | — | — | 631 |
| RR Rubberversterkingsproducten | 4 255 | — | — | — | 4 255 |
| SWS Productie-eenheid Orrville (USA) | 11 291 | — | — | -1 308 | 9 983 |
| SWS Bekaert Ideal SL vennootschappen | 871 | — | — | — | 871 |
| SWS Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd | 385 | — | — | -18 | 367 |
| SWS Bekaert Jiangyin Wire Products Co Ltd | 47 | — | — | -2 | 45 |
| BBRG BBRG | 143 759 | — | — | -918 | 142 842 |
| Subtotaal | 166 406 | 560 | — | -2 380 | 164 587 |
| Joint ventures en geassocieerde ondernemingen | |||||
| SWS Belgo Bekaert Arames Ltda | 2 339 | — | — | -4 | 2 335 |
| RR BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | 1 430 | — | — | -2 | 1 428 |
| Subtotaal | 3 769 | — | — | -7 | 3 763 |
| Totaal | 170 175 | 560 | — | -2 386 | 168 349 |
De toename van de goodwill had betrekking op de overname van Flexofibers Spain SL (zie toelichting 7.2 "Effect van bedrijfscombinaties en desinvesteringen").
Bekaert Jaarverslag 2025 − 125 −
De disconteringsvoet is gebaseerd op de (langetermijn-) kapitaalkosten vóór belastingen en de risico’s zitten ingebed in de kasstromen. Er wordt een gewogen gemiddelde kapitaalkost (weighted average cost of capital = WACC) bepaald voor de regio’s waarin de euro, de Amerikaanse dollar en de Chinese renminbi de dominante valuta’s zijn. Voor landen of activiteiten met een hoger ingeschat risico wordt de WACC opgetrokken met een risicopremie die specifiek is voor dit land of deze activiteit. De WACC wordt bepaald na belastingen omdat de relevante kasstromen ook na belastingen bepaald worden. De weging van kapitaalkosten voor schulden en eigen vermogen is gebaseerd op een streefcijfer van 50% gearing (nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen). Voor kasstroommodellen die in reële termen uitgedrukt zijn (zonder inflatie), wordt de nominale WACC aangepast voor de verwachte inflatievoet. Voor kasstroommodellen die in nominale termen uitgedrukt zijn wordt de nominale WACC gebruikt. Alle parameters die de berekening van de disconteringsvoeten beïnvloeden, worden minstens jaarlijks herzien.
In het model voor het toetsen op bijzondere waardevermindering van de goodwill voortvloeiend uit de BBRG-bedrijfscombinatie werden volgende karakteristieken verwerkt:
* een tijdshorizon van 5 jaar voor de kasstroomprognose gebaseerd op het laatste businessplan, gevolgd door een eindwaarde op basis van een nominale perpetuele groeivoet van 2% (in 2024: 2%), die in hoofdzaak berust op een conservatieve inschatting van de industriële BNP-evolutie;
* de kasstromen weerspiegelen de evolutie op basis van overeengekomen actieplannen en de huidige toestand van de activa, zonder effecten van toekomstige herstructureringen mee te rekenen die nog niet vastgelegd zijn;
* er wordt enkel rekening gehouden met investeringsuitgaven vereist voor het instand houden van de activa, dus niet met toekomstige uitgaven om de prestaties van activa te verhogen tegenover hun oorspronkelijk ingeschatte prestatienorm;
* verbeteringen van de kostenstructuur worden niet meegerekend tenzij ze afdoende onderbouwd zijn; en
* kasuitstromen met betrekking tot het werkkapitaal zijn berekend als een percentage van de omzettoename, gebaseerd op de voorbije prestaties van BBRG.
Tijdens het opmaken van het businessplan wordt rekening gehouden met duurzaamheidseffecten. De bufferruimte voor bijzondere waardeverminderingen op de goodwill van BBRG, d.i. het overschot van de realiseerbare waarde tegenover de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid van BBRG, wordt geschat op € 242,6 miljoen (2024: € 345,3 miljoen). De daling is het gecombineerd resultaat van een bijgewerkt businessplan op basis van de huidige verwachtingen in de markt, deels gecompenseerd door dalende disconteringsvoeten (€ -168,8 miljoen) en een daling van het kapitaalgebruik in de business (€ 66,1 miljoen).
Bij wijze van voorbeeld geven de volgende scenario’s de gevoeligheid van deze bufferruimte weer voor wijzigingen in de belangrijkste assumpties van het actieplan:
* Indien de onderliggende EBITDA in elke periode van het businessplan telkens € 5,0 miljoen lager zou zijn, dan zou de bufferruimte € 55,8 miljoen lager zijn (met een saldo van € 186,8 miljoen);
* Indien de nominale perpetuele groeivoet 1% zou zijn, dan zou de bufferruimte € 70,0 miljoen lager zijn (met een saldo van € 172,6 miljoen);
* Indien de ratio onderliggende EBITDA op omzet in elke periode van het businessplan 1% lager zou zijn, dan zou de bufferruimte met € 76,5 miljoen afnemen (met een saldo van € 166,1 miljoen);
* Bij een 1% hogere disconteringsvoet zou de bufferruimte met € 100,1 miljoen dalen (met een saldo van € 142,5 miljoen);
* Indien de omzet 10% lager zou zijn in elke periode van het businessplan, dan zou de bufferruimte afnemen met € 108,7 miljoen (met een saldo van € 134,0 miljoen);
* Bij een gezamenlijk effect van een lagere omzet van 10% en een lagere marge van onderliggende EBITDA op omzet van 1%, in elke periode van het businessplan, zou de bufferruimte met € 177,5 miljoen dalen (met een saldo van € 65,1 miljoen);
Op basis van de gegevens die op vandaag gekend zijn, zouden redelijkerwijs mogelijke veranderingen in de voornaamste veronderstellingen (waaronder de disconteringsvoet, de omzet- en marge-evolutie) geen aanleiding geven tot bijzondere waardeverminderingen voor kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill werd toegewezen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 126 −
Disconteringsvoeten voor toetsen op bijzondere waardevermindering
2024
| EUR regio | USD regio | CNY regio | |
|---|---|---|---|
| Streefcijfers voor de Groep | |||
| Gearing: nettoschuld / eigen vermogen | 50,0% | ||
| % schulden | 33,0% | ||
| % eigen vermogen | 67,0% | ||
| % langetermijnschulden | 75,0% | ||
| % kortetermijnschulden | 25,0% | ||
| Schuldkost voor Bekaert | 2,4% | 4,1% | 4,6% |
| Langetermijnrentevoet | 2,6% | 4,4% | 4,7% |
| Kortetermijnrentevoet | 1,8% | 3,2% | 4,2% |
| Eigenvermogenkost voor Bekaert (na belastingen) = Rf + b * Em + S | 11,9% | 13,2% | 12,5% |
| Risicovrije rentevoet = Rf | 3,0% | 4,3% | 3,6% |
| Beta = b | 1,3 | ||
| Marktrisicopremie voor eigen vermogen = Em | 5,8% | ||
| Size premie = S | 1,4% | ||
| Belastingvoet | 27,0% | ||
| Bekaert WACC - nominaal | 8,5% | 9,8% | 9,5% |
| Verwachte inflatie | 2,0% | 2,2% | 2,0% |
| Bekaert WACC in reële termen | 6,5% | 7,6% | 7,5% |
2025
| EUR regio | USD regio | CNY regio | |
|---|---|---|---|
| Streefcijfers voor de Groep | |||
| Gearing: nettoschuld / eigen vermogen | 50,0% | ||
| % schulden | 33,3% | ||
| % eigen vermogen | 66,7% | ||
| % langetermijnschulden | 75,0% | ||
| % kortetermijnschulden | 25,0% | ||
| Schuldkost voor Bekaert | 2,7% | 4,5% | 4,3% |
| Langetermijnrentevoet | 2,9% | 4,7% | 4,5% |
| Kortetermijnrentevoet | 2,3% | 3,8% | 3,9% |
| Eigenvermogenkost voor Bekaert (na belastingen) = Rf + b * Em + S | 11,7% | 12,6% | 12,0% |
| Risicovrije rentevoet = Rf | 3,2% | 4,1% | 3,5% |
| Beta = b | 1,3 | ||
| Marktrisicopremie voor eigen vermogen = Em | 5,5% | ||
| Size premie = S | 1,4% | ||
| Belastingvoet | 27,0% | ||
| Bekaert WACC - nominaal | 8,5% | 9,5% | 9,1% |
| Verwachte inflatie | 2,0% | 2,3% | 1,1% |
| Bekaert WACC in reële termen | 6,5% | 7,2% | 8,0% |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 127 −
6.3. Materiële vaste activa
| Aanschaffingswaarde in duizend € | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Terreinen en gebouwen | Installaties, machines en uitrusting | Meubilair en rollend materieel | Overige materiële vaste activa | Activa in aanbouw | Totaal | |
| Per 1 januari 2024 | 1 162 167 | 2 909 272 | 103 879 | 17 079 | 180 427 | 4 372 824 |
| Aanschaffingen | 36 280 | 119 601 | 6 038 | 329 | 23 920 | 186 168 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -8 228 | -30 664 | -3 839 | -408 | — | -43 139 |
| Eerste consolidatie | 9 207 | 990 | 118 | 8 982 | 11 304 | |
| Overdrachten ¹ | — | — | — | — | -199 | -199 |
| Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop ² | 4 588 | 55 521 | 210 | — | 5 374 | |
| Omrekeningswinsten en- verliezen (-) | 26 494 | 68 377 | 2 023 | 41 | 3 642 | 100 578 |
| Per 31 december 2024 | 1 230 508 | 3 067 631 | 108 739 | 17 259 | 208 772 | 4 632 910 |
| Per 1 januari 2025 | 1 230 508 | 3 067 631 | 108 739 | 17 259 | 208 772 | 4 632 910 |
| Aanschaffingen³ | 20 782 | 180 421 | 4 550 | 1 906 | -63 572 | 144 086 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -5 646 | -68 635 | -4 187 | -392 | -1 180 | -80 039 |
| Eerste consolidatie | — | 727 | 3 | — | 285 | 1 015 |
| Uit consolidatie genomen | -27 338 | -47 516 | -2 715 | — | -1 280 | -78 848 |
| Overdrachten ¹ | — | -2 497 | — | — | -1 102 | -3 599 |
| Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop ² | 1 193 | — | — | — | — | 1 193 |
| Omrekeningswinsten en- verliezen (-) | -68 839 | -172 045 | -5 137 | -106 | -6 880 | -253 007 |
| Per 31 december 2025 | 1 150 660 | 2 958 085 | 101 254 | 18 667 | 135 044 | 4 363 710 |
¹ Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van "Immateriële activa" (zie toelichting 6.1. "Immateriële activa") en "Recht-op-gebruik vaste activa" (zie toelichting 6.4. "Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa") en "Materiële vaste activa" worden opgeteld.
² In 2024 had de herclassificering als aangehouden voor verkoop betrekking op de Ingelmunster site (België) en deel van de Deerlijk site (België); in 2025 had dit betrekking op het grootste deel van de Ingelmunster site (zie toelichting 6.12.Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa”). In 2025 had de Groep een portfolio van projecten geïmplementeerd om de energie-efficiëntie te verbeteren, water te besparen en afval te verminderen. De totale capex die aan deze initiatieven werd toegewezen overschreed € 9,5 miljoen. Meer informatie is beschikbaar in sectie ESRS E1-3 on pagina 219, sectie ESRS E3-2 op pagina 236 en sectie ESRS E5-2 op pagina 242.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 128 −
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen in duizend €
| Terreinen en gebouwen | Installaties, machines en uitrusting | Meubilair en rollend materieel | Overige materiële vaste activa | Activa in aanbouw | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2024 | 724 050 | 2 426 900 | 92 774 | 6 844 | — | 3 250 568 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 41 765 | 82 891 | 4 815 | 807 | — | 130 279 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 619 | 8 857 | 12 | — | — | 9 488 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -4 455 | -29 477 | -3 802 | -133 | — | -37 868 |
| Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop ² | 2 209 | 48 491 | 103 | — | — | 2 852 |
| Omrekeningswinsten (-) en - verliezen | 17 407 | 54 567 | 1 724 | 15 | — | 73 714 |
| Per 31 december 2024 | 781 596 | 2 543 786 | 96 015 | 7 636 | — | 3 429 033 |
| Per 1 januari 2025 | 781 596 | 2 543 786 | 96 015 | 7 636 | — | 3 429 033 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 39 704 | 82 984 | 4 954 | 805 | — | 128 447 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 14 314 | 63 343 | 45 | 9 | — | 77 711 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -5 016 | -62 304 | -4 175 | -334 | — | -71 828 |
| Overdrachten ¹ | — | 27 | — | — | — | 27 |
| Uit consolidatie genomen | -12 544 | -36 732 | -2 397 | — | — | -51 674 |
| Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop ² | 943 | — | — | — | — | 943 |
| Omrekeningswinsten (-) en - verliezen | -42 577 | -134 368 | -4 356 | -55 | — | -181 356 |
| Per 31 december 2025 | 776 420 | 2 456 736 | 90 086 | 8 062 | — | 3 331 303 |
¹ Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van "Immateriële activa" (zie toelichting 6.1. "Immateriële activa") en "Recht-op-gebruik vaste activa" (zie toelichting 6.4. "Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa") en "Materiële vaste activa" worden opgeteld.
² In 2024 had de herclassificering als aangehouden voor verkoop betrekking op de Ingelmunster site (België) en deel van de Deerlijk site (België), terwijl in 2025 dit betrekking had op de Ingelmunster site (zie toelichting 6.12. "Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa").
Aanschaffingswaarde in duizend €
| Terreinen en gebouwen | Installaties, machines en uitrusting | Meubilair en rollend materieel | Overige materiële vaste activa | Activa in aanbouw | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Nettoboekwaarde per 31 december 2024 vóór investeringssubsidies | 448 912 | 523 845 | 12 724 | 9 624 | 208 772 | 1 203 877 |
| Netto-investeringssubsidies | -3 469 | -447 | — | — | — | -3 916 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2024 | 445 443 | 523 398 | 12 724 | 9 624 | 208 772 | 1 199 961 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2025 vóór investeringssubsidies | 374 241 | 501 349 | 11 168 | 10 605 | 135 044 | 1 032 406 |
| Netto-investeringssubsidies | -2 756 | -790 | — | — | — | -3 546 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2025 | 371 485 | 500 559 | 11 168 | 10 605 | 135 044 | 1 028 860 |
Investeringen in materiële vaste activa omvatten uitbreidingsprogramma’s en technologische aanpassingen aan bestaande installaties in de ganse groep, maar hoofdzakelijk in Rubberversterking (in de fabrieken in EMEA, India en China). In de Staaldraadtoepassingen vonden de investeringen voornamelijk plaats in Centraal-Europa en in mindere mate in de VS, Latijns-Amerika en China. In de Specialty Businesses werd geïnvesteerd in uitbreidingsprogramma’s in Centraal-Europa (bouwproducten en staalvezeltechnologieën) en in Indonesië (bouwproducten), terwijl er technologische aanpassingen plaatsvonden in de Europese vestigingen van staalvezeltechnologie, bouwproducten en slangendraad- en transportband (STB)-activiteiten. Tenslotte vonden de investeringen in BBRG voornamelijk plaats in de kabelentiteiten gevestigd in het VK en de VS en in de advanced cords- vestigingen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 129 −
Het saldo van de Activa in Aanbouw op eind 2025 had betrekking op enkele grote expansieprojecten (zoals de uitbreidingen en technologische aanpassingen in de Staaldraadtoepassingen en Rubberversterking fabrieken in Centraal-Europa, en in Staaldraadtoepassingen fabrieken in de VS), maar voornamelijk op een reeks kleinere investeringsprojecten die nog niet volledig operationeel zijn in de betrokken Bekaert-fabrieken. De verkopen en buitengebruikstellingen hadden in 2025 hoofdzakelijk betrekking op de gebruikelijke vernieuwing van activa. In 2024 werden bijzondere waardeverminderingen genomen in BBRG (VK), Staaldraadtoepassingen (China) en Specialty Businesses (staalvezeltechnologie China en verbrandingstechnologie in Nederland). In 2025 werden bijzondere waardeverminderingen genomen in Rubberversterking (China en Italië), Staaldraadtoepassingen (België) en Specialty Businesses (staalvezeltechnologie China en waterstofactiviteiten België), voornamelijk als gevolg van sluitingen en tijdelijke stopzettingen van productie (zie toelichting 5.2. "Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie"). Voor de voornaamste bijzondere waardeverminderingen werd de realiseerbare waarde bepaald op basis van de bedrijfswaarde van de activa. De nieuw in consolidatie opgenomen materiële vaste activa in 2024 hadden betrekking op de acquisitie van Bexco, terwijl de in 2025 uit consolidatie genomen materiële vaste activa betrekking hadden op de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Zie ook toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten". Er werden geen materiële vaste activa verpand als waarborg voor leningen.
6.4. Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa
Deze toelichting verstrekt informatie over lease-overeenkomsten waar de Groep optreedt als een leasingnemer. Over het algemeen treedt de Groep niet op als leasinggever. De balans van de recht-op-gebruik vaste activa toonde volgende bewegingen gedurende het jaar:
Aanschaffingswaarde in duizend €
| Recht op gebruik terreinen | Recht op gebruik gebouwen | Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting | Recht op gebruik industriële voertuigen | Recht op gebruik bedrijfs- wagens | Recht op gebruik kantoor- materieel | Recht op gebruik overige materiële vaste activa | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2024 | 73 590 | 69 141 | 13 614 | 25 613 | 29 095 | 2 086 | 986 | 214 126 |
| Nieuwe lease- overeenkomsten / toevoegingen aan de contractduur | 13 | 12 091 | 784 | 7 160 | 12 421 | 425 | — | 32 894 |
| Beëindigde overeenkomsten / inkorting van de contractduur | — | -5 623 | -640 | -5 055 | -7 950 | -361 | — | -19 629 |
| Eerste consolidatie | 1 446 | 2 675 | 488 | — | — | — | — | 4 608 |
| Omrekeningswinsten en - verliezen (-) | 3 215 | 1 918 | 23 | 474 | -65 | 37 | 44 | 5 646 |
| Per 31 december 2024 | 78 264 | 80 201 | 14 269 | 28 192 | 33 501 | 2 188 | 1 030 | 237 645 |
| Per 1 januari 2025 | 78 264 | 80 201 | 14 269 | 28 192 | 33 501 | 2 188 | 1 030 | 237 645 |
| Nieuwe lease- overeenkomsten / toevoegingen aan de contractduur | — | 12 075 | 4 285 | 11 000 | 7 187 | 383 | — | 34 930 |
| Beëindigde overeenkomsten / inkorting van de contractduur | — | -17 049 | -974 | -8 059 | -7 019 | -344 | -234 | -33 679 |
| Uit consolidatie genomen | — | — | -38 | -2 097 | -228 | — | — | -2 362 |
| Overdrachten ¹ | 2 675 | -2 675 | 2 497 | — | -40 | 40 | — | 2 497 |
| Omrekeningswinsten en - verliezen (-) | -6 940 | -4 915 | -62 | -1 058 | -569 | -80 | -56 | -13 679 |
| Per 31 december 2025 | 73 999 | 67 637 | 19 977 | 27 979 | 32 832 | 2 187 | 740 | 225 351 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 130 −
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen in duizend €
| Recht op gebruik terreinen | Recht op gebruik gebouwen | Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting | Recht op gebruik industriële voertuigen | Recht op gebruik bedrijfs- wagens | Recht op gebruik kantoor- materieel | Recht op gebruik overige materiële vaste activa | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2024 | 21 582 | 26 965 | 3 548 | 13 286 | 12 519 | 1 008 | 309 | 79 216 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 1 419 | 11 107 | 2 430 | 6 500 | 7 735 | 453 | 105 | 29 749 |
| Beëindigde overeenkomsten | — | -5 464 | -472 | -4 795 | -7 193 | -361 | — | -18 284 |
| Omrekeningswinsten (-) en- verliezen | 907 | 643 | 26 | 259 | -59 | 19 | 15 | 1 810 |
| Per 31 december 2024 | 23 908 | 33 251 | 5 532 | 15 250 | 13 002 | 1 118 | 429 | 92 490 |
| Per 1 januari 2025 | 23 908 | 33 251 | 5 532 | 15 250 | 13 002 | 1 118 | 429 | 92 490 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 1 603 | 9 980 | 2 762 | 6 386 | 7 955 | 420 | 75 | 29 182 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 4 401 | — | — | — | — | — | — | 4 401 |
| Beëindigde overeenkomsten | — | -12 959 | -879 | -6 288 | -5 527 | -329 | -234 | -26 217 |
| Overdrachten ¹ | 148 | -148 | -27 | — | -40 | 40 | — | -27 |
| Uit consolidatie genomen | — | — | -9 | -1 627 | -28 | — | — | -1 664 |
| Omrekeningswinsten (-) en - verliezen | -2 125 | -2 148 | -47 | -542 | -228 | -37 | -27 | -5 155 |
| Per 31 december 2025 | 27 934 | 27 976 | 7 332 | 13 180 | 15 134 | 1 211 | 243 | 93 011 |
in duizend €
| Recht op gebruik terreinen | Recht op gebruik gebouwen | Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting | Recht op gebruik industriële voertuigen | Recht op gebruik bedrijfs- wagens | Recht op gebruik kantoor- materieel | Recht op gebruik overige materiële vaste activa | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Nettoboekwaarde per 31 december 2024 | 54 356 | 46 950 | 8 737 | 12 942 | 20 499 | 1 070 | 601 | 145 154 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2025 | 46 064 | 39 661 | 12 645 | 14 799 | 17 698 | 976 | 497 | 132 340 |
De Groep huurt verscheidene fabrieken, kantoren, opslagplaatsen, industrieel materieel, industriële voertuigen, bedrijfswagens, servers en klein kantoormaterieel zoals printers en computers. Deze contracten kunnen zowel lease als non-leasecomponenten bevatten. De Groep wijst de vergoeding in het contract toe aan lease- en non-leasecomponenten gebaseerd op hun relatieve individuele prijzen. Echter voor de leases van bedrijfswagens en industriële voertuigen, waarbij de Groep optreedt als een leasingnemer, werd gekozen om lease- en non-leasecomponenten niet af te zonderen. In plaats daarvan werd gekozen deze te beschouwen als één enkele leasecomponent. De voornaamste non- leasecomponenten die werden opgenomen in de leasecomponent zijn kosten voor onderhoud en kosten voor de vervanging van banden. De Groep heeft de praktische uitzondering voor activa met lage waarde toegepast op de leases van printers, computers en ander klein kantoormaterieel.De Groep heeft de praktische uitzondering ook toegepast voor kortetermijn-leases (gedefinieerd als leases met een looptijd van maximum 12 maanden). Er waren geen contracten waarin ontmantelingskosten, restwaardegaranties of initiële directe kosten waren opgenomen, noch contracten met variabele huurkosten andere dan die gekoppeld aan een index of intrest. In de leasecontracten werden geen verlengings- of beëindigingsopties opgenomen en er waren derhalve geen toekomstige kasuitstromen als gevolg hiervan. Toevoegingen aan RoU gebouwen omvatten nieuwe contracten voor kantoren, fabrieken en magazijnen, voornamelijk in India, Spanje en de Verenigde Staten. De belangrijkste landen waar de contracten afliepen waren het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, India, Nieuw-Zeeland en België. De meeste nieuwe contracten voor bedrijfswagens werden afgesloten in België. De gemiddelde huurtermijn voor de recht-op-gebruik activa (exclusief ROU terreinen) bedroeg 9,5 jaar (2024: 9,6 jaar). RoU gebouwen hadden een gemiddelde looptijd van 14 jaar (2024: 14 jaar) en de overige categorieën van vaste activa (met uitzondering van terreinen) hadden een gemiddelde looptijd tussen 4 en 7 jaar. RoU terreinen hebben voornamelijk betrekking op de gebruiksrechten van terreinen die vooraf werden betaald en hadden een gemiddelde gebruiksduur van 54 jaar. Bekaert Jaarverslag 2025 − 131 −
De leasebetalingen worden verdisconteerd op basis van de intrestvoet impliciet vermeld in de lease. Indien deze intrest niet gemakkelijk kan worden bepaald, wat in het algemeen het geval is voor de leases van de Groep, wordt de marginale rentevoet van de leasingnemer gebruikt om de toekomstige leasebetalingen te verdisconteren. De marginale rentevoet is de rente die een individuele leasingnemer zou moeten betalen om de nodige fondsen te ontlenen, om een actief met een vergelijkbare waarde als het recht-op-gebruik actief te verkrijgen in een gelijkaardige economische context met overeenkomstige condities en zekerheden. De marginale rentevoet wordt bepaald door de Groepsdienst Thesaurie en houdt enerzijds rekening met de marktrente per munt voor verschillende relevante periodes en anderzijds met een kredietmarge voor iedere individuele entiteit gebaseerd op diens kredietwaardigheid. De marginale rentevoet wordt berekend als de som van beide elementen. De gewogen gemiddelde disconteringsvoet per eind 2025 bedroeg 4,95% (2024: 4,78%). De financiële kost wordt tijdens de leaseperiode toegerekend aan de winst-en-verliesrekening om op die manier een constante periodieke rente te produceren over het resterende saldo van de verplichting voor elke periode. Voor verdere informatie verwijzen we naar toelichting 6.18. "Rentedragende schulden". De Groep is blootgesteld aan mogelijke toekomstige stijgingen in variabele leasebetalingen die gebaseerd zijn op een index of intrest die, zolang ze niet van kracht zijn, niet werden inbegrepen in de leaseverplichting. Op het ogenblik dat de leasebetalingen worden aangepast door wijzigingen in de index of intrest, wordt de leaseverplichting opnieuw beoordeeld en aangepast tegenover het recht-op-gebruik actief. Recht-op-gebruik vaste activa worden algemeen lineair afgeschreven over de kortste termijn, zijnde de gebruiksduur van het actief of de leasetermijn. De winst-en-verliesrekening bevatte volgende elementen gelinkt aan leases:
| 2024 in duizend € | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Recht op gebruik terreinen | Recht op gebruik gebouwen | Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting | Recht op gebruik industriële voertuigen | Recht op gebruik bedrijfs- wagens | Recht op gebruik kantoor- materieel | Recht op gebruik overige materiële vaste activa | Totaal | |
| Afschrijvingen van recht op gebruik-activa | -1 419 | -11 107 | -2 430 | -6 500 | -7 735 | -453 | -105 | -29 749 |
| Rentelasten (inbegrepen in de financiële kosten) | -4 731 | |||||||
| Kosten gelinkt aan kortlopende lease-overeenkomsten | -2 563 | |||||||
| Kosten gelinkt aan activa met geringe waarde | -1 898 | |||||||
| Totaal | -38 940 |
| 2025 in duizend € | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Recht op gebruik terreinen | Recht op gebruik gebouwen | Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting | Recht op gebruik industriële voertuigen | Recht op gebruik bedrijfs- wagens | Recht op gebruik kantoor- materieel | Recht op gebruik overige materiële vaste activa | Totaal | |
| Afschrijvingen van recht op gebruik-activa | -1 603 | -9 980 | -2 762 | -6 386 | -7 955 | -420 | -75 | -29 182 |
| Rentelasten (inbegrepen in de financiële kosten) | -4 788 | |||||||
| Kosten gelinkt aan kortlopende lease-overeenkomsten | -2 997 | |||||||
| Kosten gelinkt aan activa met geringe waarde | -1 847 | |||||||
| Totaal | -38 814 |
De resterende operationele leasekosten opgenomen in het bedrijfsresultaat hadden voornamelijk betrekking op kosten die gelinkt zijn aan gehuurde activa zoals brandstof voor bedrijfswagens, niet- aftrekbare BTW op bedrijfswagens of onroerende voorheffing op gebouwen. De totale uitgaande kasstroom voor leases bedroeg in 2025 € 36,8 miljoen (2024: € 36,2 miljoen). Bekaert Jaarverslag 2025 − 132 −
6.5. Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen
In 2025 en in 2024 had de Groep geen deelnemingen in ondernemingen die worden geclassificeerd als geassocieerde ondernemingen.
| Deelnemingen exclusief gerelateerde goodwill | in duizend € | |
|---|---|---|
| 2024 | 2025 | |
| Per 1 januari | 219 106 | 184 851 |
| Resultaat van het boekjaar | 48 799 | 38 294 |
| Dividenden | -49 270 | -48 988 |
| Uit consolidatie genomen | — | 130 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | -33 865 | 2 147 |
| Andere elementen van het resultaat | 80 | -3 |
| Per 31 december | 184 851 | 176 430 |
Voor een analyse van het resultaat van het boekjaar verwijzen we naar toelichting 5.7. "Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen". Omrekeningswinsten en –verliezen hadden voornamelijk te maken met de evolutie van de Braziliaanse real ten opzichte van de euro. In 2025 bleef de munt relatief stabiel tegenover de euro (6,4 BRL/EUR eind 2025), terwijl deze een aanzienlijke waardedaling tegenover de euro kende in 2024 (6,4 BRL/EUR eind 2024 tegenover 5,4 BRL/EUR eind 2023). In 2025 hadden de uit consolidatie genomen deelnemingen in joint ventures betrekking op de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Zie ook toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten".
| Gerelateerde goodwill | Aanschaffingswaarde in duizend € | |
|---|---|---|
| 2024 | 2025 | |
| Per 1 januari | 4 517 | 3 769 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | -748 | -7 |
| Per 31 december | 3 769 | 3 763 |
| Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill per 31 december | 3 769 | 3 763 |
| Totale nettoboekwaarde van deelnemingen in joint ventures per 31 december | 188 620 | 180 193 |
Zie toelichting 6.2. ‘Goodwill’ voor details per entiteit. Het aandeel van de Groep in het eigen vermogen van de joint ventures is als volgt samengesteld:
| in duizend € | ||
|---|---|---|
| 2024 | 2025 | |
| Joint ventures | ||
| Belgo Bekaert Arames Ltda Brazilië | 142 793 | 138 470 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda Brazilië | 42 138 | 37 960 |
| Servicios Ideal AGF Inttegra Cía Ltda Ecuador | -80 | — |
| Totaal joint ventures, exclusief gerelateerde goodwill | 184 850 | 176 430 |
| Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill | 3 769 | 3 763 |
| Totaal joint ventures, inclusief gerelateerde goodwill | 188 620 | 180 193 |
In overeenstemming met IFRS 12 "Informatieverschaffing over betrokkenheid in andere entiteiten" wordt de volgende informatie verstrekt voor belangrijke joint ventures. De twee Braziliaanse joint ventures werden samengevoegd om te benadrukken dat de samenwerking met ArcelorMittal doorweegt bij het analyseren van het relatief belang van de joint ventures. Bekaert Jaarverslag 2025 − 133 −
Deelnemingspercentage (en stemrechtenpercentage) aangehouden door de Groep op jaareinde
| Naam van de joint venture | Land | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 45.0% (50.0%) | 45.0% (50.0%) |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | 44.5% (50.0%) | 44.5% (50.0%) |
Belgo Bekaert Arames Ltda produceert en verkoopt een breed gamma van staaldraadproducten voor meerdere sectoren en BMB produceert en verkoopt staalkoord en hieldraad voor de rubberversterking van banden.
Braziliaanse joint ventures: winst-en-verliesrekening
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Omzet | 926 798 | 817 758 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 152 894 | 126 454 |
| Renteopbrengsten | 10 738 | 20 028 |
| Rentelasten | -10 351 | -15 343 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | -2 638 | -2 695 |
| Winstbelastingen | -30 276 | -34 207 |
| Perioderesultaat | 120 366 | 94 237 |
| Andere elementen van het resultaat | 79 | -3 |
| Volledig perioderesultaat | 120 446 | 94 234 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 20 908 | 21 081 |
| EBITDA | 173 801 | 147 535 |
| Dividenden ontvangen van de entiteiten | 49 270 | 48 988 |
Braziliaanse joint ventures: balans
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | 308 671 | 295 180 |
| Vaste activa | 326 996 | 312 756 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | -121 144 | -116 960 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | -106 380 | -102 728 |
| Nettoactiva | 408 143 | 388 247 |
Braziliaanse joint ventures: nettoschuldelementen
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | 71 099 | 68 097 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | 21 144 | 17 724 |
| Totaal financiële schulden | 92 243 | 85 821 |
| Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar | -80 188 | -77 763 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | -17 139 | -22 678 |
| Nettoschuld | -5 085 | -14 621 |
De Braziliaanse joint ventures worden geconfronteerd met betwistingen van hun indirecte belastingvorderingen (ICMS) voor een totaal van € 5,8 miljoen (2024: € 5,6 miljoen). Daarnaast zijn er nog meerdere andere belastinggeschillen hangende, waarvan de meeste al jaren teruggaan, voor een totaal nominaal bedrag van € 26,9 miljoen (2024: € 24,1 miljoen). Het spreekt vanzelf dat eventuele winsten en verliezen voortvloeiend uit bovenvermelde voorwaardelijke verplichtingen de Groep slechts zouden affecteren in de mate van hun participatie in de betrokken joint ventures (d.i. 45%). Niet-opgenomen verbintenissen om materiële vaste activa te verwerven bedroegen € 6,0 miljoen (2024: € 4,5 miljoen), waarvan € 2,8 miljoen (2024: € 1,8 miljoen) tegenover andere Bekaert-vennootschappen.Bovendien hadden de Braziliaanse joint ventures ook niet-opgenomen verbintenissen lopen om de komende vijf jaar elektriciteit aan te kopen voor een totaalbedrag van € 6,8 miljoen (2024: € 8,0 miljoen). Er waren geen beperkingen om geld over te maken in de vorm van contanten en dividenden. Bekaert had geen voorwaardelijke verplichtingen tegenover haar Braziliaanse joint ventures.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 134 −
Braziliaanse joint ventures: aansluiting met nettoboekwaarde in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Nettoactiva van Belgo Bekaert Arames Ltda | 316 111 | 305 583 |
| Deelnemingspercentage van de Groep | 45,0% | 45,0% |
| Proportionele nettoactiva | 142 250 | 137 512 |
| Consolidatie-aanpassingen | 543 958 | |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in Belgo Bekaert Arames Ltda | 142 793 | 138 470 |
| Nettoactiva van BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | 92 032 | 82 665 |
| Deelnemingspercentage van de Groep | 44,5% | 44,5% |
| Proportionele nettoactiva | 40 954 | 36 786 |
| Consolidatie-aanpassingen | 1 184 | 1 174 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | 42 138 | 37 960 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in de Braziliaanse joint ventures | 184 931 | 176 430 |
De volgende tabel geeft de geaggregeerde informatie voor de andere joint ventures weer die in deze context niet materieel werden geacht.
Geaggregeerde informatie van de overige joint ventures in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Aandeel van de Groep in het resultaat | -170 | -63 |
| Aandeel van de Groep in andere elementen van het resultaat | -1 | 13 |
| Aandeel van de Groep in het volledig perioderesultaat | -171 | -50 |
| Geaggregeerde nettoboekwaarde van het aandeel van de Groep in deze joint ventures | -80 | — |
6.6. Overige vaste activa in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Financiële vorderingen op meer dan een jaar en kaswaarborgen | 11 186 | 9 252 |
| Restitutierechten en overige vorderingen op meer dan een jaar | 886 | 697 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 28 100 | 23 995 |
| Nettovordering uit vaste prestatie regelingen op meer dan een jaar | 20 217 | 26 995 |
| Eigenvermogensinstrumenten aangehouden tegen RWvOCI | 40 621 | 39 672 |
| Totaal overige vaste activa | 101 010 | 100 612 |
De nettovordering uit vaste prestatie regelingen was gerelateerd aan de pensioenregelingen in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en België. Voor meer informatie hierover verwijzen we naar toelichting 6.16. "Voorzieningen voor personeelsbeloningen". Het overschot aan activa kan worden gebruikt ter compensatie van toekomstige bijdragen, maar er bestaat ook de mogelijkheid om het overschot aan de onderneming terug te laten storten.
Eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen RWvOCI
| Nettoboekwaarde in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 31 060 | 40 621 |
| Aanschaffingen | 1 443 | 1 221 |
| Verkopen | -1 262 | -92 |
| Veranderingen in reële waarde | 9 380 | -2 078 |
| Per 31 december | 40 621 | 39 672 |
De eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen (RWvOCI), in overeenstemming met IFRS 9 "Financiële instrumenten", hadden hoofdzakelijk betrekking op:
* Shougang Concord Century Holdings Ltd, een vennootschap die genoteerd is op de beurs van Hong Kong (€ 17,0 miljoen). Op deze deelneming werd een toename in reële waarde (€ 3,8 miljoen) opgenomen in het eigen vermogen (2024: een toename van de waarde van € 7,8 miljoen).
Bekaert Jaarverslag 2025 − 135 −
- Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd (€ 8,0 miljoen). Op deze deelneming werd een toename in reële waarde van € 1,1 miljoen opgenomen in het eigen vermogen (2024: een toename van de waarde van € 1,1 miljoen).
- Pajarito Powder LLC (€ 3,5 miljoen), een investering aangehouden door Bekaert Corporation (VS).
- Zacua Ventures Builders Fund I, LP (€ 2,2 miljoen), een investering aangehouden door Bekaert Corporation (VS).
- Ionomr Innovations Inc, een investering aangehouden door NV Bekaert SA (€ 4,6 miljoen).
- Voor TFI Marine werd een daling van de reële waarde van € -6,0 miljoen via OCI geboekt.
De Groep heeft gekozen om de eigenvermogensinstrumenten te waarderen tegen reële waarde via eigen vermogen aangezien het om strategische investeringen gaat die niet worden aangehouden voor handelsdoeleinden. Voor meer informatie over de herwaarderingsreserve voor deelnemingen aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen, zie toelichting 6.14. "Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves".
6.7. Uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen in duizend €
| Vorderingen | Verplichtingen | |
|---|---|---|
| 2024 | 2025 | |
| Per 1 januari | 120 779 | 116 291 |
| Toename of afname via resultaat | -260 | 8 648 |
| Toename of afname via OCI | -2 134 | -272 |
| Eerste consolidatie | 361 | 176 |
| Uit consolidatie genomen | -1 669 | |
| Herclassificeringen | -3 583 | |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | 3 265 | -8 060 |
| Saldering vorderingen en verplichtingen | -5 720 | -4 076 |
| Per 31 december | 116 291 | 107 454 |
Opgenomen uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen waren toe te wijzen aan de volgende rubrieken:
| Vorderingen | Verplichtingen | Nettovorderingen | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2024 | 2025 | 2024 |
| Immateriële activa | 18 816 | 16 041 | 15 163 |
| Materiële vaste activa | 48 443 | 49 949 | 38 778 |
| Financiële vaste activa | — | — | 32 700 |
| Voorraden | 8 745 | 7 786 | 11 959 |
| Vorderingen | 984 | 1 365 | 3 117 |
| Andere vlottende activa | 614 | 232 | 3 919 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | 16 547 | 19 131 | 273 |
| Overige voorzieningen | 1 945 | 2 507 | 3 972 |
| Overige verplichtingen | 27 418 | 21 208 | 6 821 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen, aftrekposten en terugvorderbare belastingen | 78 158 | 78 692 | — |
| Belastingvorderingen / - verplichtingen | 201 671 | 196 910 | 116 701 |
| Saldering vorderingen en verplichtingen | -85 380 | -89 457 | -85 380 |
| Nettobelastingvorderingen / - verplichtingen | 116 291 | 107 454 | 31 321 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 136 −
De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot materiële vaste activa kwamen voornamelijk voort uit verschillen qua afschrijvingsmethode tussen IFRS en fiscale boeken, terwijl de uitgestelde belasting gerelateerd aan immateriële activa voornamelijk gegenereerd werd door de eliminatie van intragroepswinsten in de geconsolideerde jaarrekening. De uitgestelde belastingen met betrekking tot voorzieningen voor personeelsbeloningen werden hoofdzakelijk gegenereerd door tijdelijke verschillen als gevolg van de toepassing van IAS 19 "Personeelsbeloningen". De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot financiële vaste activa hadden voornamelijk te maken met tijdelijke verschillen die ontstaan uit niet-uitgekeerde winsten bij dochterondernemingen, joint ventures en eigenvermogensinstrumenten.
De evolutie van uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen was als volgt te verklaren:
2024 in duizend €
| Per 1 januari | Opgenomen via winst-en- verlies- rekening | Opgenomen via OCI | Overnames en afstotingen | Omrekenings winsten en - verliezen | Per 31 december | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tijdelijke verschillen | ||||||
| Immateriële activa | 10 214 | -3 542 | — | -2 888 | -131 | 3 653 |
| Materiële vaste activa | -864 | 12 270 | — | -2 235 | 495 | 9 666 |
| Financiële vaste activa | -25 537 | -4 250 | -2 569 | — | -344 | -32 700 |
| Voorraden | -4 664 | 2 365 | — | -101 | -813 | -3 214 |
| Vorderingen | -1 881 | -244 | — | — | -8 | -2 133 |
| Andere vlottende activa | -2 775 | -500 | — | — | -30 | -3 305 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | 18 720 | -865 | -1 899 | — | 319 | 16 275 |
| Overige voorzieningen | -2 303 | 255 | — | — | 21 | -2 027 |
| Overige verplichtingen | 28 273 | -8 377 | — | 361 | 339 | 20 597 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen, aftrekposten en terugvorderbare belastingen | 65 979 | 10 748 | — | — | 1 431 | 78 158 |
| Totaal | 85 161 | 7 861 | -4 469 | -4 862 | 1 279 | 84 970 |
2025 in duizend €
| Per 1 januari | Opgenomen via winst-en- verlies- rekening | Opgenomen via OCI | Overnames en afstotingen | Omrekenings winsten en - verliezen | Per 31 december | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tijdelijke verschillen | ||||||
| Immateriële activa | 3 653 | -4 757 | — | — | -85 | -1 189 |
| Materiële vaste activa | 9 666 | -6 393 | — | 398 | 60 | 3 731 |
| Financiële vaste activa | -32 700 | 1 480 | -2 438 | 439 | 698 | -32 522 |
| Voorraden | -3 214 | -2 314 | — | -326 | 1 394 | -4 460 |
| Vorderingen | -2 133 | 871 | — | -8 | -66 | -1 336 |
| Andere vlottende activa | -3 305 | -388 | — | 107 | 24 | -3 561 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | 16 275 | 189 | -302 | -1 334 | -1 199 | 13 629 |
| Overige voorzieningen | -2 027 | 762 | — | — | -67 | -1 332 |
| Overige verplichtingen | 20 597 | -317 | — | -46 | -617 | 19 617 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen, aftrekposten en terugvorderbare belastingen | 78 158 | 3 542 | — | 45 | -3 053 | 78 692 |
| Totaal | 84 970 | -7 326 | -2 741 | -724 | -2 911 | 71 268 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 137 −
Uitgestelde belastingen in verband met andere elementen van het resultaat (OCI)
2024 in duizend €
| Voor belastingen | Belastingen | Na belastingen | |
|---|---|---|---|
| Omrekeningsverschillen | 11 104 | — | 11 104 |
| Nettowijziging in reële waarde van deelnemingen aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen | 8 985 | — | 8 985 |
| Winsten en verliezen uit herwaardering van vaste prestatie regelingen | 20 502 | -4 469 | 16 034 |
| Aandeel in OCI van joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 121 | -41 | 80 |
| Totaal | 40 712 | -4 510 | 36 202 |
2025 in duizend €
| Voor belastingen | Belastingen | Na belastingen | |
|---|---|---|---|
| Omrekeningsverschillen | -84 270 | — | -84 270 |
| Nettowijziging in reële waarde van deelnemingen aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen | -1 074 | — | -1 074 |
| Winsten en verliezen uit herwaardering van vaste prestatie regelingen | 11 243 | -2 741 | 8 502 |
| Aandeel in OCI van joint ventures en geassocieerde ondernemingen | -5 | -2 | -3 |
| Totaal | -74 107 | -2 739 | -76 846 |
Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen
Uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot tijdelijke verschillen werden niet opgenomen voor een brutobedrag van € 201,7 miljoen (2024: € 191,7 miljoen). De niet-opgenomen belastingvorderingen inzake verliezen en aftrekposten zijn per vervaldatum voorgesteld in onderstaande tabel.Beleggingsverliezen, operationele verliezen en aftrekposten per vervaldatum
De volgende tabel geeft een overzicht van de brutobedragen van de verliezen en aftrekposten die uitgestelde belastingvorderingen genereren en waarvan sommige niet opgenomen werden.
2024 in duizend €
| Vervallend binnen 1 jaar | Vervallend tussen 1 en 5 jaar | Vervallend na meer dan 5 jaar | Niet vervallend | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Beleggingsverliezen | |||||
| Bruto | — | — | — | 65 308 | 65 308 |
| Niet opgenomen | — | — | — | -63 496 | -63 496 |
| Netto | — | — | — | 1 812 | 1 812 |
| Operationele verliezen | |||||
| Bruto | 21 516 | 68 809 | 36 757 | 772 350 | 899 431 |
| Niet opgenomen | -12 700 | -68 459 | -35 975 | -469 007 | -586 141 |
| Netto | 8 816 | 350 | 782 | 303 343 | 313 290 |
| Aftrekposten | |||||
| Bruto | 29 | 10 | — | 5 384 | 5 422 |
| Niet opgenomen | — | — | — | -3 214 | -3 214 |
| Netto | 29 | 10 | — | 2 169 | 2 208 |
| Totaal | |||||
| Bruto | 21 545 | 68 818 | 36 757 | 843 042 | 970 162 |
| Niet opgenomen | -12 700 | -68 459 | -35 975 | -535 717 | -652 851 |
| Netto | 8 844 | 359 | 782 | 307 324 | 310 317 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 138 −
2025 in duizend €
| Vervallend binnen 1 jaar | Vervallend tussen 1 en 5 jaar | Vervallend na meer dan 5 jaar | Niet vervallend | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Beleggingsverliezen | |||||
| Bruto | — | — | — | 34 764 | 34 764 |
| Niet opgenomen | — | — | — | -34 764 | -34 764 |
| Netto | — | — | — | — | — |
| Operationele verliezen | |||||
| Bruto | 12 843 | 71 227 | — | 861 298 | 945 367 |
| Niet opgenomen | -12 843 | -66 129 | — | -556 944 | -635 916 |
| Netto | — | 5 097 | — | 304 354 | 309 451 |
| Aftrekposten | |||||
| Bruto | 9 | 3 131 | — | 13 604 | 16 745 |
| Niet opgenomen | — | -3 131 | — | -4 595 | -7 726 |
| Netto | 9 | — | — | 9 009 | 9 019 |
| Totaal | |||||
| Bruto | 12 853 | 74 358 | — | 909 666 | 996 876 |
| Niet opgenomen | -12 843 | -69 260 | — | -596 303 | -678 406 |
| Netto | 9 | 5 097 | — | 313 363 | 318 469 |
De netto uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot deze brutobedragen bedroegen € 78,7 miljoen in 2025 (2024: € 78,2 miljoen).
Uitgestelde belastingvorderingen werden geboekt in de mate dat het waarschijnlijk was dat er voldoende toekomstige belastbare winsten zouden gemaakt worden, rekening houdend met zowel positieve als negatieve elementen. Deze afweging is gemaakt rekening houdend met voorzichtige schattingen op basis van het businessplan van de entiteit, meestal over een tijdshorizon van 5 jaar. In sommige jurisdicties zijn uitgestelde belastingvorderingen op beleggingsverliezen, operationele verliezen en aftrekposten geboekt in de mate van geboekte onzekere belastingposities. Dit weerspiegelt dat potentiële aanpassingen omwille van belastingcontroles waarschijnlijk zouden leiden tot een vermindering van de beschikbare belastingverliezen in plaats van een betaling van een belastingkost door de betrokken entiteit.
Beleggingsverliezen, operationele verliezen en aftrekposten per land
2025 in duizend €
| Beleggingsverliezen | Operationele verliezen | Aftrekposten | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| Australië | — | 2 862 | 9 | 2 871 |
| België | — | 379 | 148 | 2 974 |
| Brazilië | — | 7 000 | — | 7 000 |
| Canada | — | 28 257 | — | 28 257 |
| Chili | — | 10 518 | — | 10 518 |
| China | — | 52 399 | — | 52 399 |
| Duitsland | — | 104 788 | — | 104 788 |
| Indonesië | — | 5 918 | — | 5 918 |
| Italië | — | 27 800 | — | 27 800 |
| Maleisië | — | 25 737 | 3 131 | 28 868 |
| Nederland | — | 20 865 | — | 20 865 |
| Nieuw Zeeland | — | 190 | — | 190 |
| Noorwegen | — | 18 454 | — | 18 454 |
| Rusland | — | 129 | — | 129 |
| Singapore | — | 448 | — | 448 |
| Spanje | — | 43 591 | 1 441 | 45 032 |
| Verenigd Koninkrijk | — | 115 338 | — | 115 338 |
| Verenigde Staten | 34 764 | 75 486 | 9 189 | 119 440 |
| Vietnam | — | 26 440 | — | 26 440 |
| Totaal | 34 764 | 945 367 | 16 745 | 996 876 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 139 −
6.8. Operationeel werkkapitaal
2024 in duizend €
| Per 1 januari | Organische toename of afname ¹ | Afwaarderingen en terugname afwaarderingen | Eerste consolidatie | Uit consolidatie genomen | Omrekenings -winsten en - verliezen | Overige | Per 31 december | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Grondstoffen | 115 453 | 12 988 | 1 020 | 5 526 | — | 1 782 | — | 136 770 |
| Hulpstoffen en wisselstukken | 103 502 | -10 565 | 1 431 | 79 | — | 1 491 | — | 95 938 |
| Goederen in bewerking | 151 185 | 8 911 | 177 | 7 706 | — | 3 027 | — | 171 006 |
| Gereed product | 295 606 | -1 648 | 208 | 1 025 | — | 4 960 | — | 300 150 |
| Handelsgoederen | 122 760 | 4 583 | 2 375 | 138 | — | 267 | — | 130 123 |
| Voorraden | 788 506 | 14 270 | 5 212 | 14 473 | — | 11 527 | — | 833 987 |
| Handelsvorderingen | 552 989 | -9 123 | 19 927 | 9 765 | — | 7 105 | — | 580 663 |
| Ontvangen bankwissels | 55 507 | -27 563 | — | — | — | 1 166 | — | 29 110 |
| Betaalde voorschotten | 28 712 | -1 737 | -2 783 | 749 | — | 554 | — | 25 495 |
| Handelsschulden | -632 950 | -18 030 | — | -5 671 | — | -11 461 | — | -668 111 |
| Ontvangen voorschotten | -17 935 | 7 416 | — | -7 230 | — | -417 | — | -18 166 |
| Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid | -124 793 | 9 362 | — | -1 215 | — | -1 579 | 105 | -118 121 |
| Belastingen m.b.t. personeel | -8 876 | -1 829 | — | -938 | — | -78 | — | -11 722 |
| Operationeel werkkapitaal | 641 161 | -27 234 | 22 356 | 9 932 | — | 6 817 | 105 | 653 136 |
¹ De organische toename of afname vertegenwoordigt de cash-bewegingen van het werkkapitaal. In het kasstroomoverzicht zijn de wijzigingen in operationeel werkkapitaal aangepast ten opzichte van de aankopen voor immateriële en materiële vaste activa voor de variatie van de openstaande handelsschulden op jaareinde gerelateerd aan investeringen (2024: afname van handelsschulden van € 9,9 miljoen).
¹ 2025 in duizend €
| Per 1 januari | Organische toename of afname ¹ | Afwaarderingen en terugname afwaarderingen | Eerste consolidatie | Uit consolidatie genomen | Omrekenings -winsten en - verliezen | Overige | Per 31 december | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Grondstoffen | 136 770 | -2 308 | 19 | 5 | -10 028 | -5 678 | 6 118 | 785 |
| Hulpstoffen en wisselstukken | 95 938 | -2 587 | -552 | — | -2 681 | -4 258 | — | 85 859 |
| Goederen in bewerking | 171 006 | -9 994 | -1 548 | — | -2 806 | -8 223 | — | 148 435 |
| Gereed product | 300 150 | -300 | -1 354 | — | -8 071 | -16 198 | -6 274 | 222 |
| Handelsgoederen | 130 123 | -12 726 | -361 | — | -1 625 | -7 547 | — | 107 863 |
| Voorraden | 833 987 | -27 916 | -3 796 | 5 | -25 210 | -41 905 | — | 735 164 |
| Handelsvorderingen | 580 663 | -2 138 | 2 954 | 50 | -17 800 | -38 108 | — | 525 622 |
| Ontvangen bankwissels | 29 110 | -7 248 | — | — | — | -2 181 | — | 19 680 |
| Betaalde voorschotten | 25 495 | -2 533 | -751 | — | -711 | -1 018 | — | 20 482 |
| Handelsschulden | -668 111 | -26 591 | — | -27 | 25 691 | 31 368 | — | -637 670 |
| Ontvangen voorschotten | -18 166 | -13 667 | — | — | 727 | 936 | — | -30 171 |
| Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid | -118 121 | 11 472 | — | -83 | 2 616 | 4 263 | — | -99 852 |
| Belastingen m.b.t. personeel | -11 722 | 2 360 | — | — | 16 191 | — | -9 154 | |
| Operationeel werkkapitaal | 653 136 | -66 260 | -1 593 | -55 | -14 671 | -46 454 | — | 524 102 |
De organische toename of afname vertegenwoordigt de cash-bewegingen van het werkkapitaal. Het gemiddeld operationeel werkkapitaal vertegenwoordigde 15,0% van de omzet (2024: 17,3%).
• Voorraden
De voorraden daalden met € -98,8 miljoen ten opzichte van eind vorig jaar, waarvan € -25,2 miljoen als gevolg van de desinvestering van de Staaldraadtoepassingen business in Costa Rica, Ecuador en Bekaert Jaarverslag 2025 − 140 − Venezuela en de rest hoofdzakelijk ten gevolge van organische dalingen en wisselkoerseffecten. De kostprijs van verkopen bevatte vervoer- en verhandelingskosten van gereed product voor € 187,9 miljoen (2024: € 208,6 miljoen), die nooit werden gekapitaliseerd in voorraden. De bewegingen in de voorraden in 2025 omvatten afwaarderingen van € -40,4 miljoen (2024: € -43,5 miljoen) en terugnames van afwaarderingen ten belope van € 36,6 miljoen (2024: € 48,7 miljoen). Net als in 2024 werden in 2025 geen voorraden verpand als waarborg voor leningen.
• Handelsvorderingen en ontvangen bankwissels
De € -64,5 miljoen daling in de handelsvorderingen en ontvangen bankwissels in 2025 omvatte € -17,8 miljoen als gevolg van de verkoop van de Staaldraadtoepassingen business in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Eind 2025 waren voor € 210,5 miljoen aan handelsvorderingen opgenomen in het factoring-programma (2024: € 221,0 miljoen). De organische dalingen en wisselkoerseffecten verklaarden de rest van de beweging. De volgende tabel stelt de bewegingen in waardeverminderingen op handelsvorderingen voor. Er werden geen waardeverminderingen geboekt voor ontvangen bankwissels.
Handelsvorderingen en ontvangen bankwissels in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Brutoboekwaarde | 619 786 | 551 418 |
| Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen (afgewaardeerd) | -10 013 | -6 116 |
| specifieke waardevermindering voor dubieuze vorderingen | -7 276 | -3 780 |
| ECL waardevermindering IFRS 9 voor dubieuze vorderingen | -2 737 | -2 336 |
| Nettoboekwaarde | 609 773 | 545 302 |
De volgende tabel geeft verdere informatie omtrent waardeverminderingen van vorderingen:
Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -29 669 | -10 013 |
| Opgenomen verliezen in huidig jaar | -4 149 | -1 915 |
| Opgenomen verliezen in vorige jaren - aangewende bedragen | 193 | 2 345 |
| Opgenomen verliezen in vorige jaren - terugname van niet-aangewende bedragen | 23 883 | 2 524 |
| Eerste consolidatie | -37 | — |
| Uit consolidatie genomen | — | 487 |
| Omrekeningswinsten en verliezen (-) | -283 | 456 |
| Overige | 48 | — |
| Per 31 december | -10 013 | -6 116 |
In overeenstemming met IFRS 9 "expected credit loss" model voor financiële activa, wordt er op iedere rapporteringsdatum een ECL waardevermindering IFRS 9 voor handelsvorderingen geboekt om het ongekende afwaarderingsrisico af te dekken. Deze algemene waardevermindering bestaat uit een percentage van de handelsvorderingen op iedere rapporteringsdatum. De percentages houden rekening met historische informatie inzake verliezen op handelsvorderingen en worden ieder jaar opnieuw nagekeken. Voor meer informatie over kredietverbeteringstechnieken verwijzen wij naar toelichting 7.3. "Beheer van financiële risico’s en derivaten".
De handelsschulden daalden met € -30,4 miljoen vergeleken met eind vorig jaar en weerspiegelden voornamelijk een organische evolutie van € +27 miljoen en een FX-translatie-effect van € -31 miljoen. Het effect van de desinvestering van de Staaldraadtoepassingen business in Costa Rica, Ecuador en Venezuela was € -26 miljoen.
Als onderdeel van de voortdurende inspanningen van de Groep om zijn werkkapitaalpositie te verbeteren, onderhandelt het voortdurend met klanten en leveranciers over prijszetting, betalingsvoorwaarden en andere voorwaarden. De overeengekomen aankoopvoorwaarden worden bekomen in functie van de aanwezigheid van de Groep in de markt, het gewicht van de Groep als klant en zijn concurrentiepositie. Over het algemeen hebben de handelsschulden van de Groep uiteenlopende looptijden afhankelijk van het soort materiaal, het geografisch gebied waarin de aankooptransactie plaatsvindt en de verschillende contractuele overeenkomsten.De faktuurbedragen vloeien voort uit goederen en diensten in de normale cash-operationele cyclus van de Groep en maken daarom integraal deel uit van het werkkapitaal. De Groep biedt geselecteerde leveranciers aan om deel te nemen aan verschillende financieringsmodellen voor de toeleveringsketen. Dit houdt in dat leveranciers de mogelijkheid krijgen om hun vorderingen te Bekaert Jaarverslag 2025 − 141 − laten voorfinancieren door een financiële instelling. De Groep betaalt op het moment dat de factuur op grond van de reverse factoring-overeenkomst verschuldigd is. Op jaareinde 2025 bedroegen de uitstaande handelsschulden gekoppeld aan dergelijke ‘supply chain’ financieringsmodellen € 40,0 miljoen. De betalingen worden gepresenteerd in de kasstromen uit bedrijfsactiviteiten omdat ze worden beschouwd als een onderdeel van de normale bedrijfscyclus van de Groep en onderdeel blijven uitmaken van de operationele kosten.
6.9. Overige vorderingen
Nettoboekwaarde in duizend € | 2024 | 2025
| :--- | ---: | ---:
Per 1 januari | 103 089 | 134 240
Toename of afname | 31 764 | 6 255
Waardeverminderingen (-) en terugnemingen van waardeverminderingen | 23 | —
Eerste consolidatie | 1 129 | 244
Uit consolidatie genomen | — | -4 368
Herclassificeringen | 122 | —
Omrekeningswinsten en -verliezen | -1 887 | -7 319
Per 31 december | 134 240 | 129 052
Overige vorderingen hadden voornamelijk betrekking op winstbelastingen (€ 50,1 miljoen (2024: € 48,7 miljoen)), BTW en overige belastingen (€ 70,4 miljoen (2024: € 76,2 miljoen)), leningen aan personeel (€ 1,3 miljoen (2024: € 1,8 miljoen)) en dividenden van joint ventures (€ 4,2 miljoen (2024: € 2,3 miljoen)). Zie ook toelichting 6.21. "Belastingposities". Waardeverminderingen van overige vorderingen zijn opgenomen in toelichting 5.5. "Overige financiële opbrengsten en lasten". De in 2025 uit consolidatie genomen overige vorderingen hadden betrekking op de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Zie ook toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten".
6.10. Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen
Nettoboekwaarde in duizend € | 2024 | 2025
| :--- | ---: | ---:
Geldmiddelen en kasequivalenten | 504 384 | 526 601
Geldbeleggingen | 2 312 | 1 045
Het kassaldo binnen de Russische entiteit bedroeg € 21,5 miljoen (in 2024: € 7,3 miljoen) en werd voornamelijk gebruikt binnen de dagelijkse kasstroom- en treasury-activiteiten in de lokale operationele activiteiten, en moet voldoen aan de lokale Russische wetgeving in het geval dat de liquide middelen zouden worden gebruikt voor grensoverschrijdende transacties. Voor de wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten: zie het geconsolideerd kasstroomoverzicht en toelichting 7.1. "Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht". Kasequivalenten en geldbeleggingen omvatten op de balansdatum geen marktgenoteerde schuldinstrumenten of eigenvermogensinstrumenten.
6.11. Overige vlottende activa
Nettoboekwaarde in duizend € | 2024 | 2025
| :--- | ---: | ---:
Financiële vorderingen en kaswaarborgen | 1 633 | -579
Betaalde voorschotten | 25 495 | 20 482
Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 437 | 2 530
Overlopende rekeningen (actief) | 29 481 | 26 146
Per 31 december | 57 047 | 48 580
De overlopende interestbaten bedroegen € 0,7 miljoen (2024: € 1,0 miljoen). De kaswaarborgen bedroegen € 0,6 miljoen (2024: € 0,6 miljoen). Bekaert Jaarverslag 2025 − 142 − De betaalde voorschotten in het kader van grote investeringsprojecten en de vooruitbetalingen voor de levering van walsdraad vonden plaats in België, China, India en de Verenigde Staten.
6.12. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa
Nettoboekwaarde in duizend € | 2024 | 2025
| :--- | ---: | ---:
Per 1 januari | 12 337 | 9 825
Toenames en afnames (-) | -2 522 | -249
Uit consolidatie genomen | — | -226
Omrekeningswinsten en -verliezen | 9 | -24
Per 31 december | 9 825 | 9 325
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Materiële vaste activa | 9 825 | 9 325 |
| Totaal activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 9 825 | 9 325 |
| Totaal verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | — | — |
De wijziging van de activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop bevatte de realisatie van externe verkoop van het grootste deel van het onroerend goed in Ingelmunster (België) (€ -0,2 miljoen) alsook de afstoot van het onroerend goed in Ecuador (€ -0,2 miljoen) als onderdeel van de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Ecuador in 2025 (zie ook toelichtingen 6.20 "Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar" en 7.2 "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten"). Per 31 december 2025 daalde de reële waarde minus verkoopkosten van de activa aangehouden voor verkoop niet onder de boekwaarde, waardoor er geen waardeverminderingen op de boekwaarde van de activa nodig waren.
6.13. Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen
Geplaatst kapitaal | 2024 | 2025
| :--- | :--- | :---
| in duizend € | Nominale waarde | Aantal aandelen | Nominale waarde | Aantal aandelen
Per 1 januari | 161 | 145 54 750 | 174 | 159 782 54 286 986
Bewegingen van het jaar | | | |
Uitgifte van nieuwe aandelen | — | — | — | —
Vernietiging van aandelen | -1 363 | -463 188 | — | -2 971 118
Per 31 december | 159 782 54 286 986 | 159 782 51 315 868
2 Structuur
2.1 Soorten gewone aandelen
Gewone aandelen zonder nominale waarde | 159 782 54 286 986 | 159 782 51 315 868
2.2 Aandelen op naam | 21 732 198 | 21 376 704
Gedematerialiseerde aandelen | 32 554 788 | 29 939 164
Toegestaan niet-geplaatst kapitaal | 177 792 | 177 792
Op 31 december 2024 bezat Bekaert 2 235 087 eigen aandelen. Tussen 1 januari 2025 en 31 december 2025 werden in totaal 31 666 eigen aandelen overgedragen aan (voormalige) werknemers na de uitoefening van aandelenopties onder het SOP 2015‑2017. Daarnaast werden 45 050 eigen aandelen vervreemd na de verwerving van performance share units in het kader van het Bekaert‑prestatieaandelenplan. Bekaert verkocht ook 3 922 aandelen aan leidinggevende managers in het kader van de vereiste persoonlijke aandelenparticipatie en droeg 2 150 aandelen over aan leidinggevende managers onder het share‑matchingplan. In totaal werden 22 774 aandelen toegekend aan de Voorzitter van de Raad van Bestuur en andere niet‑uitvoerende Bestuurders als onderdeel van hun vergoeding.
Op 22 november 2024 kondigde Bekaert aan dat haar Raad van Bestuur een nieuw aandeleninkoopprogramma had goedgekeurd voor een totaal bedrag van maximaal € 200 miljoen over een periode van maximaal 24 maanden, onder de machtiging verleend door Bekaerts Buitengewone Bekaert Jaarverslag 2025 − 143 − Algemene Vergadering van 8 mei 2024. Het doel van het programma is om alle ingekochte aandelen te vernietigen. Tussen 1 januari 2025 en 31 december 2025 kocht Bekaert 2 707 682 aandelen terug in het kader van dit aandeleninkoopprogramma en schrapte 2 917 118 aandelen. Met inbegrip van de transacties die werden uitgevoerd onder de liquiditeitsovereenkomst met Kepler Cheuvreux, die van start ging op 1 juli 2024, bedroeg het saldo van de door de vennootschap aangehouden eigen aandelen op 31 december 2025 in totaal 1 850 137 stuks (3,61% van het totale aandelenkapitaal).
Aandelenoptieplannen (SOP)
In onderstaande tabellen zijn de details van de aandelenoptieplannen weergegeven die hetzij op de balansdatum, hetzij op de vorige balansdatum nog een uitstaand saldo vertoonden:
Overzicht aandelenoptieplan SOP 2015-2017
| Datum van aanbod | Datum van toekenning | Uitoefenprijs (in €) | Aantal opties | Eerste uitoefenperiode | Laatste uitoefenperiode | Toegekend | Uitgeoefend | Verbeurd verklaard | Uitstaand |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 17.12.2015 | 15.02.2016 | 26,375 | 227 250 | Eind feb. - 07.04.2019 | Mid nov. - 16.12.2025 | ||||
| 15.12.2016 | 13.02.2017 | 39,426 | 273 325 | Eind feb. - 12.04.2020 | Mid nov. - 14.12.2026 | ||||
| 21.12.2017 | 20.02.2018 | 34,600 | 225 475 | Eind feb. - 11.04.2021 | Mid nov. - 20.12.2027 | ||||
| Totaal | 726 050 | 471 400 | 92 250 | 162 400 |
Aandelenoptieplan SOP 2010-2014
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) | |
| :--- | ---: | ---: |
| Uitstaand op 1 januari | 2 100 | 26,055 |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -2 100 | 26,055 |
| Uitstaand op 31 december | — | — |
Aandelenoptieplan SOP 2015-2017
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) | |
| :--- | ---: | ---: |
| Uitstaand op 1 januari | 216 025 | 36,418 |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -20 459 | 35,625 |
| Uitstaand op 31 december | 195 566 | 36,504 |
Gewogen gemiddelde resterende contractuele looptijd in jaren | 2024 | 2025
| :--- | ---: | ---:
SOP 2015-2017 | 2,1 | 1,2
De gewogen gemiddelde aandelenkoers bij uitoefening in 2025 was € 28,88 voor de SOP 2015-2017- opties (2024: € 35,63). De uitoefenprijs van de inschrijvingsrechten en opties is gelijk aan het laagste van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming gedurende dertig dagen die de aanboddatum voorafgaan en (ii) de laatste slotkoers van de dag vóór de aanboddatum. De opties toegekend onder SOP 2015-2017 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.14. "Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves"). De reële waarde van de opties wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel. In de loop van 2025 werden (net als in 2024) geen opties toegekend onder SOP 2015-2017. De Groep heeft geen kosten tegenover het eigen vermogen opgenomen in 2025 (2024: n/a).
Prestatieaandelenplan (PSP)
De leden van de Bekaert Group Executive, het senior management en een beperkt aantal leden van het management van de vennootschap en enkele van haar dochterondernemingen ontvingen Performance Share Units die de begunstigde het recht geven om de waarde van de Performance Share Units te Bekaert Jaarverslag 2025 − 144 − ontvangen onder de voorwaarden van het Performance Share Plan. Deze prestatieaandeeleenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachttijd van drie jaar op voorwaarde dat een vooraf vastgelegde prestatiedoelstelling bereikt wordt.De prestatiedoelstelling werd vastgelegd door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de Groep. Het toekenningspercentage kan variëren van 0% tot 300%. Op toekenningsdatum wordt de assumptie genomen dat de toekenning zal gebeuren aan een toekenningspercentage van 100%. Het toekenningspercentage wordt op elke balansdatum opnieuw beoordeeld en indien nodig wordt het aangepast. Voor meer informatie verwijzen we naar het "Remuneratieverslag" in het "Corporate Governance Verklaring" luik van dit rapport.
Overzicht prestatieaandelenplan
| Aantal eenheden | Datum van toekenning | Toegekend | Geleverd | Verbeurd verklaard | Uitstaand | Vervaldag |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 131 407 | 04.03.2022 | 105 060 | 26 347 | — | — | 31.12.2024 |
| 3 209 | 25.08.2022 | 2 971 | 238 | — | — | 31.12.2024 |
| 12 864 | 26.09.2022 | 12 864 | — | — | — | 31.12.2024 |
| 139 141 | 10.03.2023 | — | 19 297 | 119 844 | — | 31.12.2025 |
| 4 843 | 22.08.2023 | — | 1 128 | 3 715 | — | 31.12.2025 |
| 107 976 | 08.03.2024 | — | 14 131 | 93 845 | — | 31.12.2026 |
| 6 092 | 14.05.2024 | — | — | — | 6 092 | 31.12.2026 |
| 7 714 | 20.08.2024 | — | — | — | 7 714 | 31.12.2026 |
| 9 826 | 25.11.2024 | — | — | — | 9 826 | 31.12.2026 |
| 155 816 | 07.03.2025 | — | 7 724 | 148 092 | — | 31.12.2027 |
| 14 980 | 26.08.2025 | — | — | — | 14 980 | 31.12.2027 |
| 593 868 | 120 895 | 68 865 | 404 108 |
De prestatieaandeeleenheden toegekend onder deze plannen worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.14. "Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves"). De reële waarde van de prestatieaandeeleenheden wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel aangezien de prestatiedoelstellingen zowel marktprijsgerelateerde (TSR) als niet-marktprijsgerelateerde voorwaarden zijn (onderliggende EBITDA, ESG en operationele kasstroom). De ESG voorwaarde omvat CO2-reductie en veiligheid) (zie ESRS 2 GOV-3). Voor de in 2025 toegekende tranches worden inputs en uitkomsten van het waarderingsmodel hieronder gedetailleerd:
| Te leveren in december 2027 | Te leveren in december 2027 | |
|---|---|---|
| Details waarderingsmodel - Performance Share Plan | Toekenning maart 2025 | Toekenning november 2025 |
| Inputs van het model | ||
| Aandelenkoers op startdatum (in €) | 36,20 | 39,00 |
| Historische volatiliteit | 24,6% | 23,16% |
| Verwacht dividendrendement | 6,21% | 4,43% |
| Wachtperiode (jaren) | 3,00 | 3,00 |
| Uitstroom van personeel | 0% | 0% |
| Risicovrije rentevoet | 2,34% | 2,03% |
| Uitkomst van het model | ||
| Reële waarde (in €) | 40,61 | 44,78 |
| Uitstaande PSR-eenheden | 148 092 | 14 980 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 145 −
Het aanbod in 2025 vertegenwoordigde een reële waarde van € 5,3 miljoen (2024: € 6,3 miljoen). De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 4,5 miljoen in 2025 (2024: € 5,1 miljoen).
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| PSP | Aantal eenheden | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) |
| Uitstaand op 1 januari | 387 143 | 35,51 |
| Toegekend gedurende het jaar | 132 348 | 48,00 |
| Geleverd gedurende het jaar | -131 679 | 30,74 |
| Verbeurd verklaard gedurende het jaar | -19 307 | 51,48 |
| Uitstaand op 31 december | 368 505 | 46,53 |
Personal Shareholding Requirement Plan (PSR)
In maart 2016 introduceerde de Onderneming het Personal Shareholding Requirement Plan voor de Chief Executive Officer en de andere leden van het Bekaert Group Executive (BGE), op grond waarvan ze een persoonlijk belang in aandelen van de Onderneming opbouwen en behouden en waarbij de verwerving van het aantal aandelen van de Onderneming wordt ondersteund door een zogenaamd matching-mechanisme door de Onderneming. Het matching-mechanisme van de Onderneming bestaat erin dat de Onderneming de investering van het BGE-lid in aandelen van de Onderneming in jaar x zal evenaren door een gelijk aantal aandelen van de Onderneming als verworven door het BGE-lid toe te kennen op het einde van jaar x + 2. Deze PSR eenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachtperiode van drie jaar, afhankelijk van een serviceconditie die onderhevig is aan slechte of goede vertrekomstandigheden. Voor meer informatie verwijzen we naar het "Remuneratieverslag" in het "Corporate Governance Verklaring" luik van dit rapport.
Overzicht Personal Shareholding Requirement Plan
| Aantal eenheden | Toekenningsdatum | Toegekend | Geleverd | Verbeurd verklaard | Uitstaand | Vervaldag |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 4 742 | 31.03.2023 | 3 399 | 1 343 | — | — | 31.12.2025 |
| 4 958 | 27.03.2024 | 146 | 694 | 4 118 | — | 31.12.2026 |
| 3 922 | 18.03.2025 | — | — | — | 3 922 | 31.12.2027 |
| 13 622 | 3 545 | 2 037 | 8 040 |
De matching shares toe te kennen onder het Personal Shareholding Requirement Plan 2016 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.14. "Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves"). De reële waarde van de matching shares wordt bepaald door middel van een binominaal waarderingsmodel. Voor de openstaande tranches worden inputs en uitkomsten van het waarderingsmodel hieronder gedetailleerd:
| Bij te passen december 2025 | Bij te passen december 2026 | Bij te passen december 2027 | |
|---|---|---|---|
| Details waarderingsmodel - Personal Shareholding Requirement (PSR) plan | Startdatum maart 2023 | Startdatum maart 2024 | Startdatum maart 2025 |
| Inputs van het model | |||
| Aandelenkoers op startdatum (in €) | 41,60 | 47,22 | 36,60 |
| Verwachte volatiliteit | —% | —% | —% |
| Verwacht dividendrendement | 4,17% | 4,45% | 6,22% |
| Wachtperiode (jaren) | 2,75 | 2,75 | 2,75 |
| Uitstroom van personeel | —% | —% | —% |
| Risicovrije rentevoet | 3,19% | 2,83% | 2,28% |
| Uitkomst van het model | |||
| Reële waarde (in €) | 37,02 | 41,68 | 30,70 |
| Uitstaande PSR-eenheden | — | 4 118 | 3 922 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 146 −
De toe te kennen matching shares vertegenwoordigen een reële waarde van € 0,3 miljoen (2024: € 0,3 miljoen). De Groep heeft kosten tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 0,1 miljoen (2024: € 0,1 miljoen) voor de aan te bieden matching shares op basis van hun reële waarde en toezeggingsperiode.
| Aantal eenheden - PSR | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Uitstaand op 1 januari | 16 902 | 7 181 |
| Bijgepast gedurende het jaar | -11 482 | -2 534 |
| Verbeurd verklaard gedurende het jaar | -3 197 | -529 |
| Verworven gedurende het jaar | 4 958 | 3 922 |
| Uitstaand op 31 december | 7 181 | 8 040 |
Vergoedingen leden Raad van Bestuur
De vaste vergoeding van de Voorzitter wordt betaald onder de vorm van aandelen van de vennootschap, met een aanhoudingsperiode van drie jaar vanaf de datum van toekenning. Voor andere niet-uitvoerende Bestuurders, wordt de vergoeding voor de uitoefening van taken als een lid van de Raad van Bestuur betaald in cash, maar met de optie om elk jaar een deel daarvan (0%, 25% of 50%) te ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap. In overeenstemming met IFRS 2 wordt dit behandeld als op aandelen gebaseerde betalingen met een cash alternatief. De reële waarde van de aandelenvergoeding is berekend op basis van de aandelenkoers op toekenningsdatum, zijnde 30 mei 2025 (€ 35,70) (tegenover 31 mei 2024: € 43,24). Deze vergoeding wordt onmiddellijk toegekend en vertegenwoordigde een reële waarde van € 0,8 miljoen (2024: € 0,4 miljoen). De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag € 0,8 miljoen (2024: € 0,4 miljoen).
6.14. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves
| Nettoboekwaarde in duizend € | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|
| Herwaarderingsreserve voor niet-geconsolideerde eigenvermogendeelnemingen | -3 452 | -4 618 | |
| Herwaarderingsreserve voor vaste prestatie regelingen | -7 531 | 22 038 | |
| Put-optiereserve voor minderheidsbelangen | -1 691 | -1 691 | |
| Reserve voor uitgestelde belastingen | 17 836 | 9 349 | |
| Overige reserves | 5 161 | 25 079 | |
| Gecumuleerde omrekeningsverschillen | -114 111 | -196 232 | |
| Totaal overige Groepsreserves | -108 950 | -171 153 | |
| Eigen aandelen | -81 502 | -68 538 | |
| Overgedragen resultaten | 2 249 232 | 2 102 592 |
In de volgende secties van deze toelichting worden de bewegingen in de Groepsreserves en de overgedragen resultaten getoond en becommentarieerd.
Herwaarderingsreserve voor niet-geconsolideerde eigenvermogendeelnemingen
| in duizend € | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|
| Per 1 januari | -11 175 | -3 452 | |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | -1 262 | — | |
| Wijzigingen in reële waarde | 8 985 | -1 074 | |
| Herclassificeringen binnen het eigen vermogen | — | -92 | |
| Per 31 december | -3 452 | -4 618 | |
| Waarvan | |||
| Deelneming in Xinyu Xinsteel Metal Products Co Ltd | -1 093 | — | |
| Deelneming in Technology From Ideas Ltd | — | -6 000 | |
| Deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd | -2 674 | 1 159 | |
| Overige deelnemingen | 315 | 223 |
De herwaardering van de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd is gebaseerd op de slotkoers van het aandeel op de beurs van Hongkong. Zie ook toelichting 6.6. "Overige vaste activa".
Bekaert Jaarverslag 2025 − 147 −
Herwaarderingsreserve voor vaste prestatie regelingen
| in duizend € | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|
| Per 1 januari | -27 820 | -7 532 | |
| Herwaarderingen van de periode | 20 289 | 11 238 | |
| Herclassificeringen binnen het eigen vermogen | — | 5 551 | |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | — | 12 782 | |
| Per 31 december | -7 532 | 22 038 |
De herwaarderingen resulteren uit het gebruik van gewijzigde actuariële veronderstellingen bij de bepaling van de vaste prestatie regelingen, uit verschillen tegenover de werkelijke rendementen van fondsbeleggingen op de balansdatum en uit wijzigingen in niet-opgenomen activa omwille van het asset ceiling-principe (zie toelichting 6.16. "Voorzieningen voor personeelsbeloningen").
Put-optiereserve voor minderheidsbelangen
De 'Put-optiereserve voor minderheidsbelangen' bestaat uit een verplichting van € 1,7 miljoen die initieel opgezet werd tegen reële waarde via eigen vermogen. Deze verplichting vertegenwoordigt de put-optie die aan de resterende aandeelhouders van Flintstone Technology Ltd verleend werd op hun resterende minderheidsbelangen in diezelfde entiteit. Alle latere reëlewaardewijzigingen met betrekking tot deze financiële verplichting worden in overeenstemming met IFRS opgenomen via de winst-en-verliesrekening.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 146 −# Reserve voor uitgestelde belastingen in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 22 381 | 17 836 |
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat | -4 546 | -2 739 |
| Herclassificeringen binnen het eigen vermogen | — | -1 399 |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | — | -4 348 |
| Per 31 december | 17 836 | 9 349 |
Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat (‘OCI’ = Other Comprehensive Income) worden eveneens opgenomen via OCI (zie toelichting 6.7. "Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen").
Gecumuleerde omrekeningsverschillen in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -124 533 | -114 111 |
| Omrekeningsverschillen op goedgekeurde dividenden | -10 870 | -15 232 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening in verband met afgestoten entiteiten of liquidaties | — | 56 600 |
| Bewegingen ontstaan uit wisselkoersfluctuaties | 21 292 | -123 489 |
| Per 31 december | -114 111 | -196 232 |
Waarvan gerelateerd aan entiteiten met volgende functionele valuta's:
| Valuta | Bedrag |
|---|---|
| Chinese renminbi | 113 777 |
| US dollar | 59 047 |
| Braziliaanse real | -220 739 |
| Chileense peso | -9 192 |
| Venezolaanse bolivar soberano | -59 691 |
| Indische roepie | -10 863 |
| Tsjechische kroon | 10 542 |
| Britse pond | 5 747 |
| Russische roebel | 7 766 |
| Roemeense leu | -4 234 |
| Andere valuta's | -6 272 |
De schommelingen in omrekeningsverschillen weerspiegelden zowel de wisselkoersevolutie als het relatief belang van de nettoactiva opgenomen in de vermelde valuta’s.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 148 −
Eigen aandelen in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -76 896 | -81 502 |
| Ingekochte aandelen | -37 178 | -103 144 |
| Verkochte aandelen | 17 266 | 11 137 |
| Prijsverschillen op verkochte aandelen | -5 921 | 692 |
| Schrappingen | 21 228 | 104 281 |
| Herclassificeringen binnen het eigen vermogen | — | -2 |
| Per 31 december | -81 502 | -68 538 |
Er waren voldoende eigen aandelen zowel om verwatering tegen te gaan als om het kasstroomrisico van op aandelen gebaseerde betalingsregelingen af te dekken. In 2025 werden 2 906 853 bijkomende aandelen ingekocht, inclusief de transacties uitgevoerd onder het liquiditeitscontract afgesloten met Kepler Cheuvreux (2024: 961 228). 2 973 118 aandelen werden vernietigd. 320 685 eigen aandelen werden verkocht aan de begunstigden van de op aandelen gebaseerde betalingsregelingen van de Groep en onder het liquiditeitscontract afgesloten met Kepler Cheuvreux (2024: 419 090). Eigen aandelen worden verwerkt volgens het FIFO-principe (first-in, first-out). Winsten en verliezen op verkopen van eigen aandelen worden rechtstreeks opgenomen in overgedragen resultaten (zie bewegingen in overgedragen resultaten hierna). Zie ook toelichting 6.13. "Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen".
Overgedragen resultaten in duizend €
| Toelichting | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 2 131 937 | 2 249 232 |
| Toegekende eigenvermogensinstrumenten | 6.13 | -15 170 |
| Resultaat van de periode toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert | 238 904 | 67 356 |
| Dividenden | -93 758 | -97 929 |
| Herclassificeringen binnen het eigen vermogen | — | |
| Eigenaandelentransacties | 6.13 | -13 943 |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | 1 262 | |
| Per 31 december | 2 249 232 | 2 102 592 |
Eigenaandelentransacties (€ -105,0 miljoen tegenover € -13,9 miljoen in 2024) vertegenwoordigden het verschil tussen de opbrengsten en de FIFO-boekwaarde van de verkochte en vernietigde aandelen. De wijzigingen in Groepsstructuur hadden betrekking op de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela (zie ook toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten").
6.15. Minderheidsbelangen
Nettoboekwarde in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 53 164 | 53 689 |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | — | -10 138 |
| Aandeel in het perioderesultaat | 4 661 | -2 621 |
| Aandeel in andere elementen van het resultaat behalve CTA | 371 | — |
| Uitgekeerde dividenden | -5 189 | -3 640 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) | 682 | -2 150 |
| Per 31 december | 53 689 | 35 139 |
De wijzigingen in Groepsstructuur in 2025 hadden vooral betrekking op de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Zie ook toelichting 7.2. "Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten". En in veel mindere mate het minderheidsbelang gerelateerd aan de aankoop van Flexofibers Spain SL (Spanje). Het aandeel in het perioderesultaat van minderheidsbelangen verslechterde aanzienlijk. Vooral de entiteiten in China droegen hiertoe bij.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 149 −
Na de verkoop van de Staaldraadactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela, kan de Groep niet langer een materiële groep van entiteiten met minderheidsbelangen identificeren die onderling verbonden zijn door de aard van hun activiteiten en aandeelhoudersstructuur. Bekaert heeft meerdere partnerschappen over de hele wereld, waarvan de individuele entiteiten niet voldoen aan redelijke materialiteitscriteria.
6.16. Voorzieningen voor personeelsbeloningen
Per 31 december 2025 bedroegen de totale nettovoorzieningen voor personeelsbeloningen € 118,8 miljoen (€ 153,1 miljoen per jaareinde 2024), met volgende samenstelling:
in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Voorzieningen voor Vaste prestatie regelingen | 43 436 | 33 195 |
| Andere langetermijnpersoneelsbeloningen | 7 252 | 6 763 |
| In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 1 324 | 1 345 |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 118 121 | 99 852 |
| Ontslagvergoedingen | 3 151 | 4 610 |
| Totaal voorzieningen in de balans | 173 283 | 145 765 |
| waarvan | ||
| Voorzieningen op meer dan een jaar | 46 463 | 38 270 |
| Voorzieningen op ten hoogste een jaar | 126 820 | 107 495 |
| Activa voor Vaste prestatie regelingen | -20 217 | -26 995 |
| Totaal activa in de balans | -20 217 | -26 995 |
| Totaal nettovoorzieningen | 153 066 | 118 770 |
Vergoedingsregelingen na uitdiensttreding
In overeenstemming met IAS 19, "Personeelsbeloningen" worden vergoedingsregelingen na uitdiensttreding opgedeeld in vaste bijdrage regelingen en vaste prestatie regelingen.
Vaste bijdrage regelingen
Bij vaste bijdrage regelingen betaalt Bekaert bijdragen aan publieke of private pensioenfondsen of aan verzekeringsmaatschappijen. Eenmaal de bijdragen zijn betaald, heeft de Groep geen verdere betalingsverplichtingen. Deze bijdragen worden ten laste genomen van de periode waarin de verplichting ontstaat. De Belgische vaste bijdrage regelingen zijn bij wet onderworpen aan gewaarborgde minimumrendementen. De pensioenwetgeving definieert het minimum gegarandeerd rendement vanaf 1 januari 2016 als een variabel procent dat gelinkt is aan de rendementen op overheidsobligaties die in de markt worden waargenomen. Vanaf 2016 werd het minimum gegarandeerd rendement 1,75% op zowel werkgevers- als werknemersbijdragen. Per 1 januari 2025 is het minimum gegarandeerd rendement verhoogd naar 2,5%. De vroegere rendementen (3,25% op werkgeversbijdragen en 3,75% op werknemersbijdragen) worden verder toegepast op de gecumuleerde bijdragen van het verleden aan de groepsverzekering op 31 december 2015. Bijgevolg werden de vaste bijdrage regelingen geherclassificeerd als vaste prestatie regelingen op jaareinde, waarbij een actuariële waardering werd uitgevoerd.
In Nederland neemt Bekaert deel aan een collectieve vaste prestatie regeling van meerdere werkgevers die gefinancierd wordt via het Pensioenfonds Metaal & Techniek (PMT). Deze regeling wordt geclassificeerd als vaste bijdrage regeling omdat er onvoldoende informatie beschikbaar is met betrekking tot de fondsbeleggingen toerekenbaar aan Bekaert om vaste prestatie regeling toe te passen. De bijdragen met betrekking tot deze regeling bedroegen € 0,5 miljoen (2024: € 0,7 miljoen). De werkgeversbijdragen worden periodiek door PMT vastgelegd, zijn voor alle deelnemende bedrijven gelijk en worden uitgedrukt als een percentage van het pensioengevend salaris. De totale bijdrage van Bekaert vertegenwoordigt minder dan 0,1% van de volledige PMT-bijdrage. De financieringsregels specifiëren dat een werkgever niet verplicht is tot het betalen van verdere bijdragen met betrekking tot eerder opgebouwde uitkeringen. De financieringsstatus van het PMT was 122,6% op 31 december 2025 (2024: 108,6%). Er is geen verplichting voor de deelnemende bedrijven tot financiering van enig tekort van het PMT (of tot het ontvangen van enig overschot).
Bekaert Jaarverslag 2025 − 150 −
Vaste bijdrage regelingen in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Opgenomen kosten | 15 551 | 14 088 |
Vaste prestatie regelingen
Meerdere ondernemingen van de Groep voorzien in vaste prestatie regelingen voor pensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding. Dergelijke regelingen gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op hun bezoldiging en aantal dienstjaren. De recentste actuariële IAS 19-waarderingen werden voor alle significante vaste prestatie regelingen na uitdiensttreding uitgevoerd op 31 december 2025 door onafhankelijke actuarissen. In België, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk bevonden zich de belangrijkste vaste prestatie regelingen voor de Groep. Zij vertegenwoordigden 91,2% (2024: 89,9%) van de brutoverplichtingen en 99,2% (2024: 99,4%) van de fondsbeleggingen van de Groep.
Regelingen in België
De gefinancierde pensioenregelingen in België vertegenwoordigden een brutoverplichting van € 174,4 miljoen (2024: € 187 miljoen) en € 198,2 miljoen activa (2024: € 204,9 miljoen). Deze omvatten de vaste bijdrage regelingen gefinancierd door groepsverzekeringen. De traditionele vaste prestatie regelingen voorzien in de betaling van een eenmalige kapitaalsuitkering bij pensionering en in risico-uitkeringen in geval van overlijden of invaliditeit vóór de pensionering. Deze regelingen worden extern gefinancierd door twee instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP) in eigen beheer. Op regelmatige basis wordt een Asset Liability Matching (ALM) studie uitgevoerd, waarin de gevolgen van strategische investeringsrichtlijnen worden geanalyseerd in termen van risico- en rendementsprofielen. De laatste ALM studie werd uitgevoerd in 2024.Uit deze studie worden de investeringsprincipes en het financieringsbeleid afgeleid. Het is de bedoeling de beleggingen afdoende te diversifiëren teneinde het risico onder controle te houden. De investerings- en aansprakelijkheidsrisico’s worden op kwartaalbasis opgevolgd. De financieringspolitiek heeft als doel om minstens volledig gefinancierd te zijn in termen van statutaire minimumvereisten (dit is een voorzichtige schatting van de pensioenverplichtingen).
Regelingen in de Verenigde Staten
De gefinancierde pensioenregelingen in de VS vertegenwoordigden een brutoverplichting van € 85,9 miljoen (2024: € 96,1 miljoen) en € 84,9 miljoen activa (2024: € 93,3 miljoen). De plannen voorzien in levenslange rentebetalingen aan de deelnemers werden gesloten. De activa zijn geïnvesteerd in obligaties. De financieringspolitiek is erop gericht om voldoende gefinancierd te zijn in termen van de vereisten van de Pension Protection Act om te vermijden dat er uitkeringsbeperkingen van kracht worden of dat de regelingen een at risk-status verwerven. Niet-gefinancierde regelingen omvatten plannen voor medische zorgen (brutoverplichting € 1,9 miljoen (2024: € 2,5 miljoen)).
Regelingen in het Verenigd Koninkrijk
De gefinancierde pensioenregeling in het Verenigd Koninkrijk is een plan gesloten voor nieuwe deelnemers en verdere opbouw en vertegenwoordigde een brutoverplichting van € 48,7 miljoen (2024: € 51,3 miljoen) en € 51 miljoen activa (2024: € 54 miljoen). Met ingang van 1 januari 2023 is de bestuursstructuur gewijzigd en is er een Sole Trustee aangesteld. De Sole Trustee is wettelijk verplicht om te handelen in het belang van alle relevante begunstigden en is verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid met betrekking tot de activa en het dagelijkse beheer van de uitkeringen. De pensioenverplichting omvat uitsluitend uitkeringen voor gewezen deelnemers (deelnemers wiens dienstverband is beëindigd en nog niet de in aanmerking komende pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt) en gepensioneerden (deelnemers die reeds pensioen ontvangen omdat zij de in aanmerking komende pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt). In grote lijnen is ongeveer 60% van de verplichtingen toe te schrijven aan inactieven en 40% aan gepensioneerden (2024: 40% gepensioneerden).
Bekaert Jaarverslag 2025 − 151 −
Er werd geen rekening gehouden met de potentiële impact van de Virgin Media-zaak, aangezien uit juridisch advies blijkt dat wijzigingen in de regeling in overeenstemming zijn met de vereisten van sectie 37 van de Pension Schemes Act 1993. Britse wetgeving vereist dat pensioenregelingen op prudente wijze worden gefinancierd. De laatste waardering ter bepaling van de financiering werd uitgevoerd door een erkende actuaris per 31 december 2022, gefinaliseerd in 2024, en resulteerde in een overschot van € 0,8 miljoen. Als gevolg hiervan hoeft de onderneming geen premie meer te betalen aan het plan. De Trustee en de onderneming zijn een langetermijnfinancieringsdoelstelling voor het plan overeengekomen. Op 31 december lag de regeling nog steeds op koers, zodat er geen bedrijfsbijdragen verschuldigd waren om aan deze langetermijnfinancieringsdoelstelling te voldoen. Administratiekosten worden apart van IAS 19 gerapporteerd.
Volgende bedragen werden opgenomen in de balans:
| in duizend € | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|
| België | |||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 187 037 | 174 388 | |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -204 948 | -198 199 | |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | -17 911 | -23 812 | |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 816 | 693 | |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | -17 095 | -23 119 | |
| Verenigde Staten | |||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 96 148 | 85 896 | |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -93 340 | -84 935 | |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 2 808 | 961 | |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 4 143 | 3 268 | |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 6 951 | 4 229 | |
| Verenigd Koninkrijk | |||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 51 290 | 48 739 | |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -53 964 | -50 960 | |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | -2 674 | -2 221 | |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | — | — | |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | -2 674 | -2 221 | |
| Andere | |||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 5 101 | 4 963 | |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -2 301 | -2 833 | |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 2 800 | 2 130 | |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 33 237 | 25 180 | |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 36 037 | 27 310 | |
| Totaal | |||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 339 576 | 313 986 | |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -354 553 | -336 927 | |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | -14 977 | -22 941 | |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 38 196 | 29 141 | |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 23 219 | 6 200 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 152 −
De evolutie van de brutoverplichting, de fondsbeleggingen en de nettovoorziening en -vordering over het jaar waren als volgt:
| in duizend € | Bruto- verplichting | Fonds- beleggingen | Netto voorzieningen/ vorderingen (-) |
|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2024 | 385 861 | -341 800 | 44 061 |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | 14 857 | — | 14 857 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | 1 056 | — | 1 056 |
| Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen | -1 426 | 1 086 | -340 |
| Rentelasten / -opbrengsten (-) | 16 086 | -13 398 | 2 688 |
| Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat | 30 573 | -12 313 | 18 260 |
| Componenten opgenomen in EBIT | 15 573 | ||
| Componenten opgenomen in het financieel resultaat | 2 688 | ||
| Herwaarderingen | |||
| Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering van bedragen opgenomen in de rentelasten /-opbrengsten (-) | — | -9 476 | -9 476 |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische assumpties | 1 279 | — | 1 279 |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële assumpties | -16 179 | — | -16 179 |
| Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen | 3 873 | — | 3 873 |
| Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen | -11 026 | -9 476 | -20 502 |
| Bijdragen | |||
| Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen | — | -18 757 | -18 757 |
| Werknemersbijdragen | 81 | -81 | — |
| Uitbetalingen van het plan | |||
| Uitbetaalde vergoedingen | -36 207 | 36 207 | — |
| Effecten van omrekening van vreemde valuta | 8 491 | -8 334 | 157 |
| Per 31 december 2024 | 377 773 | -354 554 | 23 219 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 153 −
| in duizend € | Bruto- verplichting | Fonds- beleggingen | Netto voorzieningen/ vorderingen (-) |
|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2025 | 377 773 | -354 554 | 23 219 |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | 14 297 | — | 14 297 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | -67 | — | -67 |
| Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen | -792 | 1 727 | 935 |
| Rentelasten / -opbrengsten (-) | 15 666 | -14 351 | 1 315 |
| Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat | 29 104 | -12 624 | 16 480 |
| Componenten opgenomen in EBIT | 15 164 | ||
| Componenten opgenomen in het financieel resultaat | 1 315 | ||
| Herwaarderingen | |||
| Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering van bedragen opgenomen in de rentelasten /-opbrengsten (-) | — | -5 716 | -5 716 |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische assumpties | 433 | — | 433 |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële assumpties | -8 645 | — | -8 645 |
| Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen | 2 686 | — | 2 686 |
| Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen | -5 526 | -5 716 | -11 242 |
| Bijdragen | |||
| Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen | — | -11 910 | -11 910 |
| Werknemersbijdragen | 77 | -77 | — |
| Uitbetalingen van het plan | |||
| Uitbetaalde vergoedingen | -33 938 | 33 938 | — |
| Afstotingen | -6 026 | — | -6 026 |
| Effecten van omrekening van vreemde valuta | -18 336 | 14 016 | -4 320 |
| Per 31 december 2025 | 343 128 | -336 927 | 6 201 |
Winsten en verliezen uit afwikkelingen in 2025 hielden vooral verband met de golf van vervroegde uittreding in Turkije, als gevolg van de in 2023 gepubliceerde minder strenge eisen om in aanmerking te komen voor een staatspensioen. Dit heeft ertoe geleid dat een grote groep werknemers vervroegde pensionering heeft aangevraagd. Bovendien waren er afwikkelingsbetalingen in België en Turkije gekoppeld aan herstructureringen. In de winst-en-verliesrekening worden zowel de pensioenkosten, toegerekend aan het dienstjaar als van verstreken diensttijd, inclusief de winsten en verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT). De rentelast of rente-opbrengst maakt deel uit van de rentelasten, onder rentegedeelte van verdisconteerde voorzieningen. Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen bedroegen in 2025 € 11,2 miljoen en waren het gevolg van een winst van € 5,7 miljoen op fondsbeleggingen die een positief rendement weerspiegelden en € 5,5 miljoen winst op de brutoverplichting. Dit laatste kan worden opgesplitst in winst van € 8,6 miljoen als gevolg van wijzigingen in financiële assumpties die de hogere disconteringsvoeten weerspiegelden, verlies van € 0,4 miljoen als gevolg van wijzigingen in demografische assumpties en een verlies van € 2,7 miljoen aan passiva als gevolg van ervaringsaanpassingen. Restitutierechten voortkomend uit herverzekeringscontracten met betrekking tot pensioenen, overlijdens- en invaliditeitsvergoedingen bedroegen in Duitsland minder dan € 0,1 miljoen (2024: minder dan € 0,1 miljoen). De Indiase overheid heeft aangekondigd dat de nieuwe arbeidswetgeving eind 2025 van kracht werd. Aangezien de gedetailleerde overheidsbekendmakingen die nodig zijn voor de interpretatie nog niet zijn gepubliceerd, werd de waardering van de plannen uitgevoerd volgens de bestaande regelgeving.Voor 2026 worden volgende bijdragen en uitbetaalde vergoedingen verwacht:
| Verwachte bijdragen en uitbetaalde vergoedingen in duizend € | 2026 |
|---|---|
| Pensioenregelingen | 11 580 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 154 −
De reële waarden van de fondsbeleggingen per 31 december waren als volgt samengesteld:
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| België | ||
| Obligaties | 59 911 | 63 425 |
| Aandelen | 81 496 | 78 420 |
| Geldmiddelen | 5 993 | 1 395 |
| Verzekeringen | 57 548 | 54 959 |
| Totaal België | 204 948 | 198 199 |
| Verenigde Staten | ||
| Obligaties USD langetermijnobligaties | 35 275 | 29 056 |
| USD vastrentende effecten | 18 142 | 52 666 |
| USD gewaarborgde deposito's | 1 581 | 3 213 |
| Aandelen USD aandelen | 15 393 | — |
| Niet-USD aandelen | 7 720 | — |
| Vastgoed | 15 229 | — |
| Totaal Verenigde Staten | 93 340 | 84 935 |
| Verenigd Koninkrijk | ||
| Obligaties | 19 138 | 15 254 |
| Afgeleide producten | 29 918 | 31 273 |
| Aandelen | 4 735 | 4 091 |
| Geldmiddelen | 174 | 342 |
| Totaal Verenigd Koninkrijk | 53 965 | 50 960 |
| Andere | ||
| Obligaties | 2 301 | 2 833 |
| Totaal Andere | 2 301 | 2 833 |
| Totaal | 354 554 | 336 927 |
In de Verenigde Staten wordt voornamelijk geïnvesteerd via beleggingsfondsen en gekantonneerde fondsen van verzekeringsmaatschappijen in obligaties en gegarandeerde deposito's. In België wordt voornamelijk belegd via beleggingsfondsen in genoteerde aandelen en obligaties. De beleggingen zijn afdoende gediversifieerd zodat een faling van één enkele belegging geen materiële impact zou hebben op het globale niveau van de activa. In het Verenigd Koninkrijk wordt een groot deel van de activa geïnvesteerd in beleggingen die erop gericht zijn om te voldoen aan toekomstige kasstromen en obligaties. De fondsbeleggingen van de Groep omvatten geen directe positie in Bekaert-aandelen of -obligaties, noch in vastgoed dat wordt gebruikt door een Bekaert-entiteit.
De voornaamste actuariële veronderstellingen op balansdatum (gewogen gemiddelden gebaseerd op uitstaande brutoverplichtingen) waren:
| Actuariële veronderstellingen | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 4,6% | 4,8% |
| Jaarlijkse verhoging van bezoldigingen | 3,7% | 3,7% |
| Onderliggende inflatie | 2,5% | 2,4% |
| Toename gezondheidszorgkost (initieel) | 7,5% | 7,5% |
| Toename gezondheidszorgkost (uiteindelijk) | 5,0% | 5,0% |
| Gezondheidszorg (jaren voor het bereiken van het uiteindelijke percentage) | 9 | 8 |
De disconteringsvoet voor het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en België is een weerspiegeling van zowel de huidige renteomgeving als van de specifieke karakteristieken van de planverplichtingen. In eerste instantie worden de geprojecteerde toekomstige uitbetalingen gekoppeld aan de toepasselijke contantkoersen, op basis waarvan de contante waarde berekend wordt. Daarna wordt teruggerekend wat de gemiddelde disconteringsvoet is die dezelfde contante waarde oplevert. De contantkoersen worden
Bekaert Jaarverslag 2025 − 155 −
afgeleid van een rentecurve gebaseerd op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een AA-kredietstatus uitgegeven in de munt van de toepasselijke regionale markt. Dit resulteerde in de volgende disconteringsvoeten:
| Disconteringsvoet | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| België | 3,4% | 4,0% |
| Verenigde Staten | 5,5% | 5,2% |
| Verenigd Koninkrijk | 5,6% | 5,6% |
| Overige | 7,1% | 7,3% |
Dit resulteerde in de volgende inflatievoeten:
| Inflatie | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| België | 2,0% | 2,0% |
| Verenigde Staten | N/A | N/A |
| Verenigd Koninkrijk | 3,3% | 2,9% |
| Totaal | 2,5% | 2,4% |
Assumpties met betrekking tot toekomstige sterfte zijn gebaseerd op actuarieel advies in overeenstemming met gepubliceerde statistieken en ervaring voor elke regio. Deze assumpties worden vertaald in een gemiddelde levensverwachting in jaren voor een gepensioneerde die uit dienst treedt op de leeftijd van 65.
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) op de balansdatum | 20 | 20 |
| Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) op de balansdatum | 23 | 23 |
| Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum | 21 | 21 |
| Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum | 24 | 24 |
Een sensitiviteitsanalyse levert volgende effecten op:
| Sensitiviteitsanalyse in duizend € | Wijziging in veronderstelling | Impact op vaste prestatie regelingen |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | -0,50% | Stijging met 13 724 |
| 4,0% | ||
| Salarisstijging | 0,50% | Stijging met 3 279 |
| 1,0% | ||
| Gezondheidszorgkost | 0,50% | Stijging met 90 |
| —% | ||
| Levensverwachting | 1 jaar | Stijging met 4 026 |
| 1,2% |
Bij bovenstaande sensitiviteitsanalyse werden alle andere veronderstellingen constant gehouden.
De Groep is door zijn vaste prestatie regelingen blootgesteld aan een aantal risico’s, waarvan de belangrijkste hieronder zijn toegelicht:
Volatiliteit van de activa
De verplichtingen van het plan worden berekend met behulp van een disconteringsvoet gebaseerd op bedrijfsobligatierendementen; wanneer de fondsbeleggingen dit rendement niet behalen, zal dit een tekort veroorzaken.
Wijzigingen in obligatierendementen
Een afname van de rendementen op bedrijfsobligaties leidt tot een toename van de verplichtingen, hoewel dit gedeeltelijk zal worden gecompenseerd door een waardestijging van de obligaties in portefeuille.
Salarisrisico
De brutoverplichtingen van de meeste regelingen worden berekend op basis van de toekomstige verloning van de deelnemers. Bijgevolg zal een hoger dan verwachte salarisstijging leiden tot hogere verplichtingen.
Langlevenrisico
Belgische pensioenplannen voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering. Zodoende is er weinig of geen langlevenrisico. Pensioenplannen in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk voorzien in voordelen voor de deelnemers zolang zij leven, dus zal een toename in levensverwachting resulteren in een toename van de planverplichtingen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 156 −
De gewogen gemiddelde vervaltermijnen van de brutoverplichtingen waren als volgt:
| Gewogen gemiddelde vervaltermijnen van de brutoverplichtingen in jaren | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| België | 11 | 10 |
| Verenigde Staten | 9 | 9 |
| Verenigd Koninkrijk | 14 | 14 |
| Overige | 9 | 10 |
| Totaal | 11 | 10 |
Ontslagvergoedingen
Ontslagvergoedingen zijn geldmiddelen en andere vergoedingen die aan werknemers worden betaald wanneer hun dienstverband werd beëindigd.
Andere langetermijnpersoneelsbeloningen
De andere langetermijnpersoneelsbeloningen hadden betrekking op jubileumpremies.
In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen
Stock appreciation rights (SAR)
De Groep kent aan bepaalde werknemers Stock Appreciation Rights (SARs) toe die hen het recht geven om op de uitoefendatum de intrinsieke waarde van de SARs te ontvangen. Deze SARs worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van een binomiaal waarderingsmodel.
Gebaseerd op de lokale regulering is de uitoefenprijs voor elke toekenning onder de SAR-plannen in de VS gelijk aan de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming gedurende de dertig dagen volgend op de datum van het aanbod. De uitoefenprijs van de andere SAR- plannen is bepaald op dezelfde wijze als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde aandelenoptieplannen: als de laagste waarde van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming gedurende dertig dagen voorafgaand aan de datum van het aanbod, en (ii) de laatste slotkoers voorafgaand aan de datum van het aanbod.
Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 37,90 (2024: € 33,46), verwachte volatiliteit in een range tussen 25% en 31% (2024: 20%-27%), een verwacht dividend in een range van 5,5% en 6,0% (2024: 6,0%-7,0%), een wachtperiode van 3 jaar en een contractduur van 10 jaar. De input voor de risicovrije rente varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO’s (Obligation Linéaire / Lineaire Obligatie) met een looptijd gelijk aan de looptijd van de bewuste SAR-toekenning.
De uitoefenprijzen en reële waardes van de uitstaande SARs per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:
Details van VS SAR-plannen per toekenning in €
| Toekenning | Aantal toegekend | Uitoefenprijs | Reële waarde per 31 december 2024 | Reële waarde per 31 december 2025 |
|---|---|---|---|---|
| 2015 | 40 200 | 25,45 | — | — |
| 2016 | 20 250 | 28,38 | 5,27 | — |
| 2017 | 26 375 | 38,86 | 1,32 | 3,50 |
| 2018 | 16 875 | 37,06 | 3,14 | 4,68 |
Details van andere SAR-plannen per toekenning in €
| Toekenning | Aantal toegekend | Uitoefenprijs | Reële waarde per 31 december 2024 | Reële waarde per 31 december 2025 |
|---|---|---|---|---|
| 2015 | 44 700 | 26,06 | — | — |
| 2016 | 38 500 | 26,38 | 7,09 | — |
| 2017 | 53 000 | 39,43 | 1,22 | 3,30 |
| 2018 | 37 500 | 34,60 | 3,86 | 5,81 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 157 −
Op 31 december 2025 bedroeg de totale verplichting voor de SAR-plannen in de VS € 0,01 miljoen (2024: € 0,03 miljoen), terwijl de totale verplichting voor andere SAR-plannen € 0,01 miljoen bedroeg (2024: € 0,03 miljoen). De Groep noteerde een totale opbrengst van € 0,0 miljoen (2024: opbrengst van € 0,2 miljoen) tijdens het jaar in verband met SARs.
Performance Share Units (PSU)
De Groep kende aan bepaalde werknemers in geldmiddelen afgewikkelde prestatieaandeeleenheden toe die de begunstigde het recht geven de waarde van de prestatieaandelen te ontvangen volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan. Deze prestatieaandeeleenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachttijd van drie jaar afhankelijk van het bereiken van vooraf vastgelegde prestatiedoelstellingen. De prestatiedoelstellingen werden vastgelegd door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de Groep en kunnen variëren van 0% tot 300%. Op de toekenningsdatum wordt ervan uitgegaan dat de toekenning onvoorwaardelijk wordt bij een uitoefeningspercentage van 100%, de prestatiedoelstelling wordt op elke balansdatum opnieuw beoordeeld op de verwachte prestaties, indien nodig wordt het uitoefeningspercentage op basis van die beoordeling aangepast. Deze prestatieaandeeleenheden worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2.De reële waarde van elke toekenning is het gewogen gemiddelde van de reële waarde van de niet-marktprijsgerelateerde voorwaarden en de marktprijsgerelateerde voorwaarden. De reële waarde van de niet-marktprijsgerelateerde voorwaarden (onderliggende EBITDA, ESG en operationele kasstroom) is gelijk aan de aandelenkoers op balansdatum. De reële waarde van de marktgerelateerde voorwaarden (TSR) wordt op balansdatum herberekend op basis van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel dat wordt gebruikt voor de prestatieaandeeleenheden (zie toelichting 6.12. "Gewone aandelen, eigen aandelen en op aandelen gebaseerde betalingen").
Details van prestatieaandeeleenheden per toekenning in €
| Aantal toegekend | Reële waarde per 31 december 2024 | Reële waarde per 31 december 2025 |
|---|---|---|
| Toekenning 2021 | 4 567 | — |
| Toekenning 2022 | 24 832 | 31,12 |
| Toekenning 2023 | 33 974 | 33,36 |
| Toekenning 2024 | 29 336 | 23,84 |
| Toekenning 2025 | 32 466 | — |
Op 31 december 2025 bedroeg de totale verplichting voor de prestatieaandeel-eenheden in de VS € 0,6 miljoen (2024: € 0,5 miljoen), terwijl de totale verplichting voor de andere prestatieaandeeleenheden € 0,8 miljoen bedroeg (2024: € 0,8 miljoen). De Groep nam een totale kost van € 0,6 miljoen (2024: kost van € 0,7 miljoen) op tijdens het jaar in verband met prestatieaandeeleenheden.
Kortetermijnpersoneelsbeloningen
Kortetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op verplichtingen voor verloning en sociale zekerheid die volledig betaalbaar zijn binnen de twaalf maanden na het einde van de periode waarin werknemers de gerelateerde prestaties verrichten.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 158 −
6.17. Overige voorzieningen in duizend €
| Herstructurering | Geschillen | Milieu | Overige | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2024 | 319 | 6 077 | 19 733 | 4 010 | 30 138 |
| Bijkomende voorzieningen | 9 012 | 6 135 | 2 872 | 2 655 | 20 674 |
| Terugnemingen ongebruikte bedragen | -327 | -2 524 | -2 988 | -772 | -6 611 |
| Toename in contante waarde | — | — | — | — | — |
| Opgenomen in de winst-en-verliesrekening | 8 685 | 3 611 | -116 | 1 883 | 14 063 |
| Aanwendingen van het jaar | -1 442 | -3 645 | -493 | -1 164 | -6 744 |
| Uit consolidatie genomen | — | — | — | — | — |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | 26 | 132 | -19 | -74 | 65 |
| Per 31 december 2024 | 7 588 | 6 175 | 19 105 | 4 655 | 37 522 |
| Waarvan op ten hoogste een jaar | 6 398 | 4 148 | 705 | 136 | 11 387 |
| op meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | 1 189 | 2 027 | 7 500 | 4 519 | 15 235 |
| op meer dan vijf jaar | — | — | 10 900 | — | 10 900 |
in duizend €
| Herstructurering | Geschillen | Milieu | Overige | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2025 | 7 588 | 6 175 | 19 105 | 4 655 | 37 522 |
| Bijkomende voorzieningen | 1 860 | 3 594 | 9 | 1 273 | 6 735 |
| Terugnemingen ongebruikte bedragen | — | -2 509 | -554 | -305 | -3 368 |
| Toename in contante waarde | — | — | — | — | — |
| Opgenomen in de winst-en-verliesrekening | 1 860 | 1 084 | -544 | 967 | 3 367 |
| Aanwendingen van het jaar | -5 313 | -1 676 | -1 121 | -1 161 | -9 270 |
| Uit consolidatie genomen | — | — | — | — | — |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | -38 | -290 | -48 | -227 | -603 |
| Per 31 december 2025 | 4 096 | 5 293 | 17 392 | 4 235 | 31 016 |
| Waarvan op ten hoogste een jaar | 3 148 | 3 756 | 1 208 | 294 | 8 406 |
| op meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | 948 | 1 537 | 9 287 | 3 746 | 15 519 |
| op meer dan vijf jaar | — | — | 6 896 | 195 | 7 091 |
De daling van de herstructureringsvoorzieningen was voornamelijk toe te schrijven aan de aanwending van bestaande voorzieningen, vooral gerelateerd aan ontslagkosten op sites in het Verenigd Koninkrijk, Nederland en België (zie details over eenmalige posten in toelichting 5.2 "Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie").
De voorzieningen voor claims hadden voornamelijk betrekking op productgarantieprogramma’s en diverse productkwaliteitsclaims in verschillende entiteiten, voornamelijk in de VS, China en Turkije. De aanwending tijdens de periode werd vooral gedreven door schikkingen in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Slowakije en Turkije.
De milieuvoorzieningen hadden voornamelijk betrekking op sites in de EMEA-regio. De verwachte kosten voor bodemsanering worden op elke balansdatum herzien op basis van beoordelingen door externe experts. Het moment van afwikkeling is onzeker, omdat dit vaak wordt bepaald door beslissingen over de bestemming van de terreinen. De daling van de milieuvoorzieningen hield voornamelijk verband met de aanwending en vrijval van milieuvoorzieningen die gekoppeld zijn aan sites in Italië, Canada en België.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 159 −
6.18. Rentedragende schulden
De volgende tabel toont een analyse van de nettoboekwaarde van de rentedragende schulden van de Groep, per contractuele vervaldatum:
2024 in duizend €
| Vervallend binnen het jaar | Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | Vervallend over meer dan 5 jaar | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| Rentedragende schulden | ||||
| Leaseverplichtingen | 24 262 | 52 972 | 21 977 | 99 212 |
| Ontvangen kaswaarborgen | — | 78 | 57 | 135 |
| Kredietinstellingen | 171 550 | 195 | — | 171 745 |
| Schuldschein-leningen | 110 500 | 20 939 | — | 131 439 |
| Obligatieleningen | — | 400 000 | — | 400 000 |
| Totaal financiële schulden | 306 313 | 474 184 | 22 034 | 802 531 |
2025 in duizend €
| Vervallend binnen het jaar | Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | Vervallend over meer dan 5 jaar | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| Rentedragende schulden | ||||
| Leaseverplichtingen | 23 692 | 44 981 | 25 841 | 94 514 |
| Ontvangen kaswaarborgen | — | 29 | 94 | 122 |
| Kredietinstellingen | 120 369 | 21 277 | 159 | 141 805 |
| Schuldschein-leningen | — | 20 984 | — | 20 984 |
| Obligatieleningen | 200 000 | 200 000 | 59 000 | 459 000 |
| Totaal financiële schulden | 344 061 | 287 270 | 85 094 | 716 425 |
Een analyse van de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen van de Groep wordt voorgesteld in toelichting 7.3. "Beheer van financiële risico’s en derivaten".
De financiële schuld vervallend binnen het jaar is met € 37,7 miljoen gestegen door de aanstaande gedeeltelijke terugbetaling van de obligatielening in 2026, gedeeltelijk afgezet met een lagere terugbetaling van langetermijnleningen welke vervallen in 2026. In principe gaan entiteiten van de Groep leningen aan in hun lokale valuta om valutarisico’s te vermijden. Als de financiering in een andere valuta gebeurt, zonder enige compenserende balanspositie, dekken de entiteiten het valutarisico af door middel van derivaten (cross-currency interest-rate swaps (CCIRS) of termijnwisselcontracten).
Obligatieleningen, commercial paper en schulden tegenover kredietinstellingen zijn niet gewaarborgd, met uitzondering van de factoring-programma’s. Voor meer informatie over het beheer van financiële risico’s verwijzen wij naar toelichting 7.3. "Beheer van financiële risico’s en derivaten".
Berekening van de nettoschuld
De volgende tabel geeft een overzicht van de berekening van de nettoschuld.
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | 496 222 | 372 364 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | 306 309 | 344 061 |
| Totaal financiële schulden | 802 531 | 716 425 |
| Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar | -11 186 | -9 252 |
| Financiële vorderingen en kaswaarborgen op ten hoogste een jaar | -1 633 579 | |
| Geldbeleggingen | -2 312 | -1 045 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | -504 384 | -526 601 |
| Nettoschuld | 283 015 | 180 106 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 160 −
Wijzigingen in verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten
Om tegemoet te komen aan de toelichtingsvereisten van IAS 7 "Het kasstroomoverzicht" toont deze sectie een overzicht van de wijzigingen in verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten. De opdeling in langetermijnschulden en kortetermijnschulden is gebaseerd op de initiële looptijd van de schuld. In het geconsolideerd kasstroomoverzicht worden de kasstromen met betrekking tot rentedragende langetermijnschulden opgedeeld in inkomsten en aflossingen.
De acquisities en desinvesteringen in 2025 hadden voornamelijk betrekking op de acquisitie van de Flexofibers Spain SL en de afstoting van de staaldraadtoepassingsactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Overige mutaties in de financiële schulden hadden voornamelijk betrekking op de niet-geldelijke mutaties op de leaseverplichting (€ 32,1 miljoen) (zie toelichting 6.4. "Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa"). De kasstromen bestonden voornamelijk uit de aflossing van de Schuldschein lening, die plaatsvond in juni 2025 (€ -110,5 miljoen). Derivaten die worden aangehouden om financiële schulden af te dekken omvatten swaps en opties die (economische) afdekkingen bieden voor renterisico's, zie toelichting 7.3. "Beheer van financiële risico’s en derivaten".
De acquisities en desinvesteringen in 2024 hadden voornamelijk betrekking op de overname van Bexco NV. Andere wijzigingen in de financiële schulden hielden voornamelijk verband met de niet‑kasbewegingen op de leaseverplichtingen (€ 36,7 miljoen) (zie toelichting 6.4. "Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa"). De kasstromen hadden voornamelijk betrekking op de terugbetaling van de langetermijnleningen in de Belgische entiteit, NV Bekaert SA (€ -75,0 miljoen). Derivaten aangehouden ter indekking van financiële schulden omvatten swaps en opties die (economische) afdekkingen bieden voor het renterisico, zie toelichting 7.3. "Financieel risicobeheer en financiële derivaten".
2024 Niet-kasstromen in duizend €
| Per 1 januari | Kasstromen | Overnames en afstotingen | Gecumuleerde omrekeningsverschillen | Reëlewaarde- wijzigingen | Overige wijzigingen | Per 31 december | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Financiële schulden | |||||||
| Langetermijnschulden ¹ | 743 221 | -105 456 | 4 873 | 1 551 | — | 36 829 | 681 018 |
| Ontvangen kaswaarborgen | 160 | -30 | — | 5 | — | — | 135 |
| Leaseverplichtingen | 86 710 | -30 401 | 4 619 | 1 546 | — | 36 738 | 99 212 |
| Kredietinstellingen | 125 000 | -75 025 | 253 | — | — | 4 50 | 233 |
| Schuldschein-leningen | 131 352 | — | — | — | — | 87 | 131 439 |
| Obligatieleningen | 400 000 | — | — | — | — | — | 400 000 |
| Converteerbare obligatieleningen | — | — | — | — | — | — | — |
| Kortetermijnschulden | 155 713 | -47 545 | 2 641 | 10 704 | — | — | 121 512 |
| Totaal financiële schulden | 898 934 | -153 001 | 7 514 | 12 255 | — | 36 829 | 802 531 |
| Derivaten aangehouden ter afdekking van financiële schulden | |||||||
| Interest-rate swaps | -3 359 | — | — | — | 2 399 | — | -961 |
| Cross-currency interest-rate swaps | -583 | — | — | — | 3 238 | — | 2 655 |
| Overige verplichtingen uit financieringsactiviteiten | — | — | — | — | — | — | — |
| Put-opties op minderheidsbelangen | 1 726 | — | — | 71 | -591 | — | 1 206 |
| Totaal verplichtingen uit |
¹ Inclusief het deel van de schulden op meer dan een jaar dat binnen het jaar vervalt, nl. € 96,6 miljoen per 1 januari en € 184,8 miljoen per 31 december.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 161 −
2025 Niet-kasstromen in duizend €
| Per 1 januari | Kasstromen | Overnames en afstotingen | Gecumuleerde omrekeningsverschillen | Reëlewaarde- wijzigingen | Overige wijzigingen | Per 31 december | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Financiële schulden | |||||||
| Langetermijnschulden ¹ | 681 018 | -111 919 | -466 | -4 635 | — | 32 093 | 596 092 |
| Ontvangen kaswaarborgen | 135 | -2 | — | -11 | — | — | 122 |
| Leaseverplichtingen | 99 212 | -31 665 | -731 | -4 354 | — | 32 052 | 94 514 |
| Kredietinstellingen | 50 233 | -28 752 | 265 | -271 | — | -4 21 | 471 |
| Schuldschein-leningen | 131 439 | -110 500 | — | — | — | 46 20 | 984 |
| Obligatieleningen | 400 000 | 59 000 | — | — | — | — | 459 000 |
| Converteerbare obligatieleningen | — | — | — | — | — | — | — |
| Kortetermijnschulden | 121 512 | 10 753 | 940 | -12 871 | — | — | 120 334 |
| Totaal financiële schulden | 802 531 | -101 166 | 474 | -17 506 | — | 32 093 | 716 425 |
| Derivaten aangehouden ter afdekking van financiële schulden | |||||||
| Interest-rate swaps | -961 | — | — | — | 961 | — | — |
| Cross-currency interest-rate swaps | 2 655 | — | — | — | -4 444 | — | -1 789 |
| Overige verplichtingen uit financieringsactiviteiten | |||||||
| Put-opties op minderheids- belangen | 1 206 | — | — | -75 835 | — | 1 966 | |
| Totaal verplichtingen uit financieringsactiviteiten | 805 432 | -101 166 | 474 | -17 581 | -2 648 | 32 093 | 716 603 |
¹ Inclusief het deel van de schulden op meer dan een jaar dat binnen het jaar vervalt, nl. € 184,8 miljoen per 1 januari en € 223,7 miljoen per 31 december.
6.19. Overige verplichtingen op meer dan een jaar
Nettoboekwaarde in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Overige schulden op meer dan één jaar | 150 | 150 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | — | — |
| Put-opties op minderheidsbelangen (zie toelichting 7.3.) | 1 206 | 1 966 |
| Totaal | 1 356 | 2 116 |
De derivaten gerelateerd aan een interest-rate swap om de variabele rente in enkele van de Schuldschein- leningen af te dekken waren nihil in 2025, net als in 2024. Ook CCIRS’en waren nihil per eind 2025 (2024: nilhil) (zie toelichtingen 6.18. "Rentedragende schulden" en 7.3. "Beheer van risico’s en derivaten"). De putoptie (€ 2,0 miljoen) betrof een minderheidsbelang in een investering.
6.20. Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar
Nettoboekwaarde in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Overige verplichtingen | 5 257 | 8 480 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 3 470 | 560 |
| Ontvangen voorschotten | 18 166 | 30 171 |
| Overige belastingen | 29 596 | 27 642 |
| Overlopende rekeningen (passief) | 7 975 | 6 347 |
| Totaal | 64 464 | 73 199 |
De toename in 2025 van de overige verplichtingen was het gevolg van hogere dividenduitkeringen en verplichtingen in verband met de fiscale consolidatieregeling in Italië. De derivaten bevatten termijnwisselcontracten (€ 0,4 miljoen (2024: € 0,6 miljoen)) en CCIRS’en (€ 0,2 miljoen (2024: € 2,8 miljoen)).
Bekaert Jaarverslag 2025 − 162 −
De grootste stijging in ontvangen voorschotten in 2025 werd geconstateerd bij Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) (projectactiviteiten). Overige belastingen hadden betrekking op BTW (€ 10,4 miljoen (2024: € 9,7 miljoen)), afhoudingen op lonen en wedden (€ 9,2 miljoen (2024: € 11,7 miljoen)) en andere niet-winstgebaseerde belastingen (€ 8,0 miljoen (2024: € 8,2 miljoen)).
6.21. Belastingposities
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de belastingvorderingen, belastingschulden en onzekere belastingposities opgenomen op balansdatum. De belastingvorderingen en -schulden bevatten zowel inkomstenbelastingen als BTW en overige belastingen.
in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Belastingvorderingen | 119 301 | 112 051 |
| Vaststaande belastingschulden | 58 516 | 59 510 |
| Onzekere belastingposities | 42 610 | 30 358 |
De vaststaande belastingschulden bevatten de saldi inzake overige belastingen opgenomen in de tabel van toelichting 6.20. "Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar". De daling in onzekere belastingposities is hoofdzakelijk het gevolg van gunstige resultaten van belastingcontroles en het verstrijken van bepaalde wettelijke verjaringstermijnen, waardoor het totale belastingrisico van de Groep is verlaagd.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 163 −
7. Diverse elementen
7.1. Toelichting bij het kasstroomoverzicht
Samenvatting in duizend €
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 296 178 | 134 826 |
| Posten zonder kasstroomeffect opnieuw bijgeteld bij EBIT | 161 190 | 270 800 |
| EBITDA | 457 368 | 405 625 |
| Overige brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | -82 927 | -35 371 |
| Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 374 441 | 370 255 |
| Wijzigingen in operationeel werkkapitaal¹ | 37 139 | 66 260 |
| Overige bedrijfskasstromen | -37 610 | 13 230 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 373 971 | 449 744 |
| Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten | -200 355 | -79 005 |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten | -306 855 | -316 038 |
| Toename of afname in geldmiddelen en kasequivalenten | -133 239 | 54 701 |
¹ Zie toelichting 6.8. "Operationeel werkkapitaal" voor de aansluiting van de wijzigingen in operationeel werkkapitaal met de organische evolutie van het werkkapitaal.
Het overzicht van de kasstromen uit bedrijfsactiviteiten is opgesteld volgens de indirecte methode.
Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten
Details van geselecteerde bedrijfskasstromen in duizend €
| Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat (EBIT) | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Afschrijvingen en waardeverminderingen ¹ | 151 411 | 173 619 |
| Bijzondere waardeverminderingen op activa | 9 779 | 97 181 |
| Posten zonder kasstroomeffect opnieuw bijgeteld bij EBIT | 161 190 | 270 800 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte bedragen | 18 676 | 19 673 |
| Overige voorzieningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte bedragen | 14 063 | 3 367 |
| CTA overgeboekt naar resultaat bij afgestoten activiteiten | — | 56 600 |
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | -5 017 | 2 938 |
| Overige posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat (EBIT) | 27 722 | 82 578 |
| Totaal | 188 911 | 353 378 |
| Investeringsposten verwerkt in bedrijfsresultaat (EBIT) | ||
| Winst (-) of verlies bij verkoop van activiteiten | — | -20 010 |
| Winst (-) of verlies bij verkoop van immateriële en materiële vaste activa | -4 630 | -10 987 |
| Totaal | -4 630 | -30 997 |
| Terugname gebruikte bedragen op voorzieningen voor personeelsbeloningen en overige voorzieningen | ||
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen: gebruikte bedragen | -29 852 | -16 554 |
| Overige voorzieningen: gebruikte bedragen | -6 744 | -9 270 |
| Totaal | -36 596 | -25 824 |
| Betaalde winstbelastingen | ||
| Verschuldigde winstbelastingen | -70 716 | -51 860 |
| Toename of afname (-) in nettoverplichtingen m.b.t. winstbelastingen | 1 295 | -9 268 |
| Totaal | -69 421 | -61 128 |
| Overige bedrijfskasstromen | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Bewegingen in overige vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar | -35 429 | 8 628 |
| Overige | -2 181 | 4 601 |
| Totaal | -37 610 | 13 230 |
¹ Inclusief € +1,6 miljoen (2024: € -22,4 miljoen) afwaarderingen / (terugnames van afwaarderingen) op voorraden en handelsvorderingen (zie toelichting 6.8. "Operationeel werkkapitaal").
De bruto kasstromen uit operationele activiteiten daalden met € -4,2 miljoen als gevolg van een lagere EBITDA van € -51,7 miljoen, gedeeltelijk gecompenseerd door de naar resultaat overgeboekte CTA bij de verkoop van de staaldraadtoepassingsactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela (€ 56,6 miljoen), de wijziging in de terugname van investeringselementen in het operationeel resultaat (€ -26,4 miljoen), de positieve kas impact van betaalde belastingen (€ 8,3 miljoen), de eigen vermogen gebaseerde aandelenvergoedingen (€ 8,0 miljoen) en wijzigingen in de opzet, terugname en aanwending van voorzieningen (€ 1,0 miljoen). De daling van het werkkapitaal, voornamelijk gedreven door lagere handelsvorderingen, handelsschulden en lagere voorraden, zorgde in 2025 voor een cash-in van in totaal € 66,3 miljoen (2024: cash-in van € 37,1 miljoen) (zie organische daling in toelichting 6.8. "Operationeel werkkapitaal"). Overige bedrijfskasstromen hadden voornamelijk te maken met verschuivingen in overige vorderingen en verplichtingen die niet vervat zitten in het werkkapitaal en geen verband houden met investerings- of financieringsactiviteiten. In 2025 bedroeg de kasuitstroom voor inkomstenbelastingen € -61,1 miljoen. De meeste belastingen werden betaald in China (€ 21,9 miljoen), België (€ 11,7 miljoen), India (€ 5,0 miljoen), Australië (€ 4,1 miljoen), Chili (€ 3,7 miljoen), Slowakije (€ 3,6 miljoen), Brazilië (€ 2,7 miljoen), de Verenigde Staten (€ 1,7 miljoen), Spanje (€ 1,2 miljoen) en Ecuador (€ 1,0 miljoen).
Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten
De volgende tabel verschaft meer details in verband met welbepaalde investeringskasstromen:
Details van geselecteerde investeringskasstromen in duizend €
| Overige portfolio-investeringen | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Nieuwe bedrijfscombinaties | -39 170 | 19 |
| Overige investeringen | -1 443 | -1 221 |
| Totaal | -40 614 | -1 203 |
| Inkomsten uit verkoop van vaste activa | ||
| Inkomsten uit verkoop van immateriële activa | — | — |
| Inkomsten uit verkoop van materiële vaste activa | 9 809 | 15 168 |
| Totaal | 9 809 | 15 168 |
De overige investeringen in 2025 hadden voornamelijk betrekking op de investeringen in Zacua Ventures Builders Fund I, LP (€ 0,6 miljoen), Hyve BV (€ 0,3 miljoen) en Emerald Industrial Innovation Fund, LP (€ 0,3 miljoen). Nieuwe bedrijfscombinaties hadden betrekking op de investeringen in nieuwe dochterondernemingen in 2025 (Flexofibers Spain SL). Nieuwe bedrijfscombinaties in 2024 hadden betrekking op de investeringen in nieuwe dochterondernemingen (Bexco NV). Kasuitstromen van investeringen in materiële vaste activa namen af van € 196,1 miljoen in 2024 tot € 139,2 miljoen in 2025. De opbrengst uit de verkoop van vaste activa in 2025 had voornamelijk betrekking op verkooptransacties in België en Brazilië. De opbrengsten uit de verkoop van vaste activa in 2024 hadden voornamelijk betrekking op verkooptransacties in België en Ecuador.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 164 −Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten
De volgende tabel verschaft meer details in verband met welbepaalde financieringskasstromen:
| Details van geselecteerde financieringskasstromen in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Overige financieringsstromen | ||
| Toename (-) of afname van kort- en langlopende leningen en financiële vorderingen | -2 193 | 2 934 |
| Toename (-) of afname van financiële activa op ten hoogste een jaar | -1 032 | 883 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | -16 051 | -11 179 |
| Totaal | -19 277 | -7 362 |
Nieuwe rentedragende langetermijnschulden waren € 80,8 miljoen in 2025 (2024: € 2,4 miljoen) waarvan € 21,6 miljoen een nieuwe lening in India is en € 59,0 miljoen betrekking heeft op een Europese private Bekaert Jaarverslag 2025 − 165 − placement. Aflossing van rentedragende langetermijnschulden (€ -192,9 miljoen) hield voornamelijk verband met de terugbetaling van de Schuldschein lening (€ -110.5 miljoen) en andere langetermijn- leningen in de Belgische entiteit (€ -50,0 miljoen) en de terugbetaling van het kortlopende deel van de langlopende leaseverplichting (€ -31,9 miljoen). Kasinstroom m.b.t. kortetermijnschulden beliep € 10,8 miljoen in 2025 (2024: kasuitstroom van € -47,5 miljoen). Voor een overzicht van de bewegingen in verplichtingen die ontstaan uit financierings-activiteiten, zie toelichting 6.18. "Rentedragende schulden". In 2025 beliepen de transacties in eigen aandelen € -93,6 miljoen (2024: € -30,1 miljoen) en waren voornamelijk gerelateerd aan het inkoopprogramma. Wat betreft andere financieringskastromen waren er inkomsten gerelateerd aan de stijging van netto- opbrengsten uit leningen en vorderingen (€ +2,9 miljoen tegenover € -2,2 miljoen in 2024) en kasinstromen uit vlottende financiële activa, voornamelijk kortlopende deposito's (€ +0,9 miljoen tegenover kasuitstromen van € -1,0 miljoen in 2024). Overige financiële opbrengsten en lasten omvatten onder andere belastingen en bankkosten op financiële transacties (€ -11,1 miljoen tegenover € -16,1 miljoen in 2024).
7.2. Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten
Bedrijfsverkoop: Staaldraadtoepassingen-bedrijven in Costa Rica, Ecuador en Venezuela
Op 30 juni 2025, in lijn met onze strategie om onze activiteitenportefeuille te transformeren door onze blootstelling aan meer gecommoditiseerde en volatiele markten te verminderen, verkocht Bekaert haar staaldraadtoepassingsactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela aan Grupo AG. De transactie heeft betrekking op de productie- en distributiefaciliteiten van de staaldraadtoepassings- activiteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Deze faciliteiten produceerden en verkochten staaldraadproducten, voornamelijk voor toepassingen in de bouw en landbouw. De afgeronde transactie bevatte de verkoop van de aandelen die Bekaert in zijn bezit had in de volgende entiteiten: BIA Alambres Costa Rica SA in Alajueala, Costa Rica; Ideal Alambrec SA in Quito, Ecuador; en Vicson SA in Valencia, Venezuela; samen met hun dochterondernemingen in Guatemala, Ecuador en Venezuela.
$^1$ Wisselkoersverschillen (niet-kas) voornamelijk ten gevolge van historische devaluaties van de Venezolaanse Bolivar. Exclusief deze wisselkoersverschillen bedroeg de winst bij verkoop van de staaldraadtoepassingsactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela € 20 miljoen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 166 −
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de afgestoten nettoactiva per balanspost. Ook wordt het bedrag dat in het geconsolideerde kasstroomoverzicht wordt vermeld als "Inkomsten uit verkoop van deelnemingen" verduidelijkt.
| in duizend € | Totaal desinvesteringen |
|---|---|
| Materiële vaste activa | 27 873 |
| Deelnemingen | -130 |
| Overige vaste activa | 22 |
| Uitgestelde belastingsvorderingen | 1 669 |
| Voorraden | 25 210 |
| Handelsvorderingen | 17 800 |
| Betaalde voorschotten | 711 |
| Overige vorderingen | 4 368 |
| Kortlopende deposito's | 256 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 11 066 |
| Overige vlottende activa | 660 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | -5 363 |
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | -244 |
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | -769 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste één jaar | -20 355 |
| Handelsschulden | -25 691 |
| Personeelsbeloningen op ten hoogste één jaar | -3 326 |
| Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen | -1 605 |
| Overige verplichtingen op ten hoogste één jaar | -2 238 |
| Totaal van gedesinvesteerde netto activa | 29 914 |
| Totale winst of verlies (-) bij verkoop van activiteiten | -36 591 |
| Winst op de transactie exclusief wisselkoersverschillen: € 20 miljoen | |
| Wisselkoersverschillen overgeboekt naar resultaat bij verkoop (zonder kasstroomeffect) | 1 |
| Afgestane geldmiddelen | -11 066 |
| Afgestane minderheidsbelangen | -11 042 |
| Inkomsten uit verkoop van deelnemingen | 27 815 |
Onderstaande tabel geeft de impact, ingesloten in de geconsolideerde winst- en verliesrekening, weer van de afgestoten staaldraadtoepassingsactiviteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela voor 2025 in vergelijking met 2024, zowel voor de eerste als voor de tweede helft van het jaar en voor het volledige jaar.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 167 −
| (in duizend €) | 1H 2024 | 2H 2024 | 2024 | 1H 2025 | 2H 2025 | 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 60 978 | 58 902 | 119 880 | 62 527 | — | 62 527 |
| Kostprijs van verkopen | -51 695 | -50 537 | -102 232 | -52 222 | — | -52 222 |
| Marge op omzet | 9 282 | 8 365 | 17 648 | 10 305 | — | 10 305 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 4 918 | 2 787 | 7 705 | 3 822 | — | 3 822 |
| waarvan EBIT - Onderliggend | 4 918 | 3 188 | 8 107 | 3 822 | — | 3 822 |
| Eenmalige opbrengsten en kosten | — | -401 | -401 | — | — | — |
| Financieel resultaat | -2 052 | -2 482 | -4 534 | -3 155 | — | -3 155 |
| Resultaat voor belastingen | 2 866 | 305 | 3 172 | 668 | — | 668 |
| Winstbelastingen | -141 | -632 | -773 | -727 | — | -727 |
| Resultaat na belastingen (geconsolideerde ondernemingen) | 2 726 | -327 | 2 399 | -59 | — | -59 |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen | -52 | -118 | -170 | -63 | — | -63 |
| PERIODERESULTAAT | 2 673 | -445 | 2 228 | -122 | — | -122 |
Bedrijfscombinaties: overname van Flexofibers Spain SL
In 2025 heeft Bekaert 51% van de aandelen in Flexofibers Spain SL overgenomen. Het bedrijf, gevestigd in Toledo, Spanje, produceert duurzame bouwmaterialen en is gespecialiseerd in het omvormen van gerecycleerd staal afkomstig van versleten banden naar hoogwaardige, koolstofarme vezels voor betonversteviging. De verwerking van de bedrijfscombinatie heeft geresulteerd in een goodwill van € 0,6 miljoen. Het minderheidsbelang (€ 0,9 miljoen) dat voortvloeit uit de overgenomen partij is gewaardeerd tegen hun aandeel in de reële waarde van de verworven netto-activa (€ 1,8 miljoen).
7.3. Beheer van financiële risico’s en financiële instrumenten
Principes van financieel risicobeheer
De Groep is blootgesteld aan risico’s als gevolg van bewegingen in wisselkoersen, rentevoeten en marktrisico’s die haar activa en verplichtingen beïnvloeden. Het financieel risicobeheer van de Groep heeft tot doel om de effecten van deze marktrisico’s als gevolg van haar operationele en financiële activiteiten te beperken. Naargelang het ingeschatte risico worden daartoe welbepaalde derivaten als afdekkingsinstrumenten ingezet. De Groep dekt voornamelijk risico’s af die de kasstromen beïnvloeden. Derivaten worden enkel gebruikt als afdekkingsinstrument en niet voor handels- of speculatieve doeleinden. Om het kredietrisico te beperken, worden afdekkingstransacties over het algemeen enkel aangegaan met financiële instellingen die als langetermijn- kredietrating door Moody’s Investors Service Inc., Fitch en S&P tenminste een A-kredietscore hebben. De richtlijnen en principes van het financieel risicobeheer van Bekaert worden vastgelegd door het Audit, Risk en Finance Comité en gecontroleerd door de Raad van Bestuur van de Groep. De Groepsdienst Thesaurie is verantwoordelijk voor de implementatie van het financieel risicobeleid. Dit houdt in dat gepaste richtlijnen worden gedefinieerd en effectieve controle- en verslaggevingsprocedures worden opgezet. Het Audit, Risk en Finance Comité wordt geregeld geïnformeerd over de blootstelling aan deze risico’s.
Valutarisico
Het valutarisico van de Groep kan opgedeeld worden in twee categorieën: valutatranslatierisico en valutatransactierisico.
Valutatranslatierisico
Een valutatranslatierisico ontstaat wanneer de financiële gegevens van buitenlandse dochterondernemingen omgezet worden naar de presentatievaluta van de Groep, de euro. De voornaamste valuta’s zijn de Chinese renminbi, de US dollar, de Tsjechische kroon, de Braziliaanse real, de Russische roebel, de Indische roepie en de pond sterling. Aangezien er geen kasstroomeffect is, dekt de Groep dit risico gewoonlijk niet af.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 168 −
Valutatransactierisico
De Groep is blootgesteld aan valutatransactierisico’s die voortvloeien uit haar investerings-, financierings- en bedrijfsactiviteiten. Valutarisico’s in het kader van bedrijfsactiviteiten vloeien voort uit commerciële activiteiten met aan- en verkopen in vreemde valuta, alsook betalingen en ontvangsten van royalty’s. De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om het valutarisico op de verwachte kasinstromen en kasuitstromen voor de volgende drie maanden te beperken. Belangrijke blootstellingen en vaststaande toezeggingen buiten dit tijdskader kunnen ook afgedekt worden. Valutarisico’s op het vlak van investeringen ontstaan uit de overname of de verkoop van deelnemingen in buitenlandse vennootschappen, en soms ook uit te ontvangen dividenden vanuit buitenlandse deelnemingen. Indien materieel geacht, worden deze risico’s afgedekt door middel van termijnwisselcontracten. Valutarisico’s op het vlak van financiering ontstaan uit financiële verplichtingen in vreemde valuta’s. De Groepsdienst Thesaurie dekt deze risico’s af en maakt hiervoor gebruik van cross-currency interest-rate swaps en termijnwissel-contracten om financiële verplichtingen in vreemde valuta’s om te zetten naar de functionele valuta van de betrokken entiteit. Op de verslagdatum bestonden de verplichtingen in vreemde valuta waarvoor het valutarisico werd afgedekt voornamelijk uit intragroepsleningen in euro en US dollar.# Valutagevoeligheidsanalyse
Valutagevoeligheid met betrekking tot de bedrijfs-, investerings- en financieringsactiviteiten
Volgende tabel geeft een samenvatting van de nettoposities van de Groep voor de belangrijkste valutaparen met betrekking tot bedrijfs-, investerings- en financiële vorderingen en schulden in vreemde valuta op de verslagdatum. De nettoposities van de valuta zijn vóór eliminaties van intragroepsverrichtingen. Een positief bedrag betekent dat de Groep een nettovordering heeft in de eerste valuta. In de tabel vertegenwoordigt de kolom "Totaal risico" de balanspositie, terwijl de kolom "Totaal derivaten" alle derivaten omvat ter afdekking van zowel de balanspositie als de verwachte transacties.
Valutapaar - 2024 in duizend €
| Valutapaar | Totaal risico | Totaal derivaten | Nettopositie |
|---|---|---|---|
| BRL/EUR | 37 302 | — | 37 302 |
| CZK/EUR | 8 257 | — | 8 257 |
| EUR/CNY | 23 110 | -18 289 | 4 822 |
| EUR/GBP | 45 942 | -4 790 | 41 152 |
| EUR/INR | -11 352 | 26 532 | 15 180 |
| EUR/MYR | 10 055 | — | 10 055 |
| EUR/RON | -46 238 | — | -46 238 |
| EUR/RUB | -11 470 | 2 876 | -8 594 |
| IDR/USD | -7 885 | 742 | -7 143 |
| JPY/CNY | -21 929 | 8 845 | -13 083 |
| JPY/USD | -40 988 | — | -40 988 |
| NOK/GBP | -4 651 | — | -4 651 |
| NZD/USD | 7 996 | — | 7 996 |
| USD/CNY | 9 361 | -12 706 | -3 345 |
| USD/EUR | -13 133 | -97 256 | -110 388 |
| USD/GBP | 5 243 | — | 5 243 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 169 −
Valutapaar - 2025 in duizend €
| Valutapaar | Totaal risico | Totaal derivaten | Nettopositie |
|---|---|---|---|
| AED/EUR | -5 900 | — | -5 900 |
| AUD/EUR | -23 400 | -3 600 | -27 000 |
| BRL/EUR | 22 700 | — | 22 700 |
| CZK/EUR | -29 200 | — | -29 200 |
| EUR/CAD | 5 700 | — | 5 700 |
| EUR/CNY | 36 800 | -4 100 | 32 700 |
| EUR/GBP | 52 300 | -25 200 | 27 100 |
| EUR/HKD | 10 200 | — | 10 200 |
| EUR/INR | -37 700 | — | -37 700 |
| EUR/JPY | -13 000 | 2 100 | -10 900 |
| EUR/MXN | -7 100 | — | -7 100 |
| EUR/RON | -6 300 | -44 000 | -50 300 |
| EUR/RUB | -42 000 | — | -42 000 |
| USD/BRL | -5 700 | — | -5 700 |
| USD/CAD | 18 100 | — | 18 100 |
| USD/EUR | -108 300 | 66 400 | -41 900 |
| USD/INR | -20 300 | — | -20 300 |
De redelijkerwijs mogelijke schommelingen die gebruikt worden in deze berekening, zijn gebaseerd op de volatiliteit op jaarbasis met betrekking tot de dagelijkse wisselkoersbewegingen gedurende de verslagperiode, met een betrouwbaarheidsinterval van 95%. Indien de valuta’s verzwakt of versterkt zouden geweest zijn met de redelijkerwijs mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou het perioderesultaat vóór belastingen € 20,7 miljoen lager, respectievelijk hoger geweest zijn (2024: € 15,7 miljoen).
Renterisico
De Groep is onderworpen aan renterisico en dit voornamelijk op schulden in US dollar, Chinese renminbi en euro. Om het effect van rentevoetfluctuaties in de betrokken regio’s te minimaliseren, wordt het renterisico op de nettoschuld uitgedrukt in deze valuta’s afzonderlijk beheerd. De volgende algemene richtlijnen worden toegepast om het renterisico af te dekken:
* De beoogde gemiddelde duur van langlopende schulden bedraagt vier jaar.
* De verhouding tussen variabele en vaste rentevoeten moet voor langlopende schulden beantwoorden aan de limieten bepaald door het Audit, Risk en Finance Comité.
De Groepsdienst Thesaurie gebruikt interest-rate swaps en cross-currency interest-rate swaps om ervoor te zorgen dat de vaste/variabele renteverhouding van langlopende schulden binnen de limieten blijft. Het volgende overzicht toont de gewogen gemiddelde rentevoeten, exclusief het effect van swaps, op balansdatum.
2024
| Lange termijn | Korte termijn | Totaal | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste rentevoet | Vlottende rentevoet | Totaal | |||
| US dollar | -% | -% | -% | 5,39% | 5,39% |
| Chinese renminbi | -% | -% | -% | 2,61% | 2,61% |
| Euro | 2,11% | 4,23% | 2,46% | -% | 2,46% |
| Overige | -% | -% | -% | 8,21% | 8,21% |
| Totaal | 2,11% | 4,23% | 2,46% | 4,64% | 2,99% |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 170 −
2025
| Lange termijn | Korte termijn | Totaal | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste rentevoet | Vlottende rentevoet | Totaal | |||
| US dollar | -% | -% | -% | 4,78% | 4,78% |
| Chinese renminbi | -% | -% | -% | 2,32% | 2,32% |
| Euro | 2,90% | 3,92% | 2,93% | 2,81% | 2,91% |
| Overige | -% | -% | -% | 6,56% | 6,56% |
| Totaal | 2,90% | 3,92% | 2,93% | 3,93% | 3,22% |
Rentegevoeligheidsanalyse
Rentegevoeligheid van de financiële schuld
Zoals vermeld in toelichting 6.18. "Rentedragende schulden" bedroeg de totale financiële schuld van de Groep € 716 miljoen op 31 december 2025 (2024: € 803 miljoen). De volgende tabel toont het valuta- en renteprofiel, d.i. de procentuele verdeling van de totale financiële schuld per valuta en per type van rentevoet (vast, vlottend), inclusief het effect van swaps.
2024
| Lange termijn | Korte termijn | Totaal | ||
|---|---|---|---|---|
| Vaste rentevoet | Vlottende rentevoet | Vlottende rentevoet | ||
| US dollar | -% | -% | 13,50% | 13,50% |
| Chinese renminbi | -% | -% | 8,90% | 8,90% |
| Euro | 63,20% | 12,20% | -% | 75,40% |
| Overige | -% | -% | 2,20% | 2,20% |
| Totaal | 63,20% | 12,20% | 24,60% | 100,00% |
2025
| Lange termijn | Korte termijn | Totaal | ||
|---|---|---|---|---|
| Vaste rentevoet | Vlottende rentevoet | Vlottende rentevoet | ||
| US dollar | -% | -% | 15,00% | 15,00% |
| Chinese renminbi | -% | -% | 2,70% | 2,70% |
| Euro | 68,80% | 2,00% | 10,30% | 81,10% |
| Overige | -% | -% | 1,20% | 1,20% |
| Totaal | 68,80% | 2,00% | 29,20% | 100,00% |
De volgende tabel toont voor de belangrijkste valuta’s de redelijkerwijs mogelijke schommelingen met een 95%-betrouwbaarheidsinterval; de cijfers zijn gebaseerd op de volatiliteit op jaarbasis van de dagelijkse noteringen van de Interbank Offered Rate op 3 maanden in 2025 en 2024.
2024
| Rentevoet per 31 december | Redelijkerwijs mogelijke schommelingen (+/-) |
|---|---|
| Chinese renminbi ¹ | 1,71% |
| Euro | 2,75% |
| US dollar | 4,69% |
2025
| Rentevoet per 31 december | Redelijkerwijs mogelijke schommelingen (+/-) |
|---|---|
| Chinese renminbi ¹ | 1,54% |
| Euro | 2,06% |
| US dollar | 4,36% |
¹ Voor de Chinese renminbi werd de PBOC-referentievoet voor leningen tot 6 maand genomen. Indien we de geschatte mogelijke renteschommelingen toepassen op de schuld met vlottende rentevoet – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou het perioderesultaat vóór belastingen € 0,0 miljoen hoger/lager (2024: € 0,1 miljoen hoger/lager) geweest zijn.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 171 −
Kredietrisico
Kredietrisico is het risico dat een tegenpartij haar verplichtingen uit hoofde van een financieel instrument of klantencontract niet nakomt, wat leidt tot een financieel verlies. De Groep is blootgesteld aan kredietrisico’s ten gevolge van haar bedrijfsactiviteiten en bepaalde financieringsactiviteiten, inclusief deposito's bij banken en financiële instellingen.
In het kader van haar bedrijfsactiviteiten heeft de Groep een kredietbeleid opgezet dat rekening houdt met het risicoprofiel van de klanten in functie van het marktsegment waartoe zij behoren. Op basis van hun activiteitenplatform, productsegment en regio wordt het kredietrisico van de klanten geanalyseerd en wordt beslist om het kredietrisico af te dekken. De blootstelling aan kredietrisico’s wordt continu opgevolgd en de kredietwaardigheid van alle klanten wordt geregeld geëvalueerd.
Omwille van het specifieke karakter van sommige staaldraadactiviteiten die slechts een beperkt aantal wereldwijd opererende klanten tellen, wordt het concentratierisico van dichtbij opgevolgd en wordt – overeenkomstig de kredietbeleidslijnen – indien nodig onmiddellijk actie ondernomen. Er dient geen enkele van de volgens IFRS 8 §34 vereiste toelichtingen in verband met individuele klanten (of groepen van klanten onder gezamenlijke zeggenschap) verstrekt, aangezien geen enkele klant van de Groep instaat voor meer dan 10% van de omzet.
Op 31 december 2025 was 76,73% (2024: 74,05%) van het kredietrisico afgedekt door kredietverzekeringspolissen en handelsfinancieringsinstrumenten zoals kredietbrieven, documentaire kredieten en bankgaranties. In het kader van financierings-activiteiten worden transacties in principe enkel afgesloten met tegenpartijen die minstens een A-kredietscore hebben. Daarbij worden kredietlimieten vastgelegd voor elke tegenpartij in functie van haar kredietwaardigheid. Dankzij deze aanpak acht de Groep de risico’s bij staking van betaling door de tegenpartij beperkt, zowel wat bedrijfsactiviteiten als wat financieringsactiviteiten betreft.
In overeenstemming met het in IFRS 9 opgenomen "verwachte verlies" model voor financiële vorderingen, werd een ECL waardevermindering IFRS 9 voor handelsvorderingen aangelegd met als bedoeling ongekende risico’s verbonden aan handelsvorderingen op iedere rapporteringsdatum af te dekken. Deze ECL waardevermindering IFRS 9 voor handelsvorderingen bestaat uit een percentage van openstaande handelsvorderingen op iedere rapporteringsdatum. De percentages weerspiegelen de waarschijnlijkheidsgewogen uitkomst, de tijdswaarde van geld en redelijke en gefundeerde informatie die op de rapporteringsdatum beschikbaar is over gebeurtenissen in het verleden, huidige omstandigheden en prognoses van toekomstige economische omstandigheden en worden jaar-op-jaar herbekeken.
Liquiditeitsrisico
Liquiditeitsrisico betekent het risico dat de Groep haar verplichtingen niet kan nakomen op de vervaldag omdat ze niet in staat is om activa te gelde te maken of de nodige kredieten te bekomen. Om de liquiditeit en de financiële flexibiliteit te allen tijde te garanderen, beschikt de Groep, naast de beschikbare geldmiddelen, over verscheidene kortlopende, niet-toegezegde kredietlijnen in de belangrijkste valuta’s en voor bedragen die geacht worden toereikend te zijn voor de huidige en toekomstige financiële behoeften. Deze kredietfaciliteiten hebben meestal een gemengd karakter en kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor voorschotten, kaskredieten, acceptkredieten en verdisconteringen.
De Groep heeft ook toegezegde kredietfaciliteiten ter beschikking voor een maximumbedrag van € 400 miljoen (2024: € 250 miljoen) tegen variabele rentevoeten met vaste marges. Op jaareinde stond € 70 miljoen uit onder deze faciliteiten (2024: nihil). Bovendien beschikt de Groep over een commercial paper & medium-term note program voor een maximum bedrag van € 123,9 miljoen (2024: € 123,9 miljoen). Per jaareinde 2025 waren er geen uitstaande commercial paper notes (2024: nihil). Per jaareinde was er geen externe bankschuld onderworpen aan schuldconvenanten (2024: nihil). De Groep heeft per 31 december 2025 verdisconteerde uitstaande vorderingen voor een totaal bedrag van € 210,5 miljoen (2024: € 221,0 miljoen) in de bestaande factoring-programma’s.Onder deze overeenkomsten worden vrijwel alle risico’s en voordelen, verbonden aan de eigendom van de vorderingen, overgedragen aan de factor. Bijgevolg werden de gefactorde vorderingen per eind 2025 uitgeboekt. De volgende tabel toont de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen (inclusief financiële verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop). Enkel nettorentebetalingen en aflossingen van de hoofdsom zijn hierin vervat.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 172 −
| 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2025 | 2026 | 2027-2029 | 2030 en verder |
| Financiële verplichtingen - hoofdsom | ||||
| Handelsschulden | -668 111 | — | — | — |
| Overige verplichtingen | -5 257 | -1 356 | — | — |
| Rentedragende schulden | -306 313 | -217 075 | -257 109 | -22 034 |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -118 900 | — | — | — |
| Financiële verplichtingen - rente | ||||
| Handels- en overige schulden | — | — | — | — |
| Rentedragende schulden | -16 490 | -11 651 | -5 904 | — |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -4 160 | — | — | — |
| Totaal niet-verdisconteerde kasstromen | -1 119 231 | -230 082 | -263 013 | -22 034 |
| 2025 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2026 | 2027 | 2028-2030 | 2031 en verder |
| Financiële verplichtingen - hoofdsom | ||||
| Handelsschulden | -637 670 | — | — | — |
| Overige verplichtingen | -8 480 | -2 116 | — | — |
| Rentedragende schulden | -344 061 | -232 245 | -55 025 | -85 094 |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -118 886 | — | — | — |
| Financiële verplichtingen - rente | ||||
| Handels- en overige schulden | — | — | — | — |
| Rentedragende schulden | -16 414 | -8 472 | -7 675 | -5 116 |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -3 426 | — | — | — |
| Totaal niet-verdisconteerde kasstromen | -1 128 938 | -242 833 | -62 700 | -90 210 |
Hierin zijn alle instrumenten begrepen die aangehouden werden op de balansdatum en waarvoor de betalingen reeds contractueel werden vastgelegd. Prognoses met betrekking tot toekomstige nieuwe verplichtingen zijn niet meegerekend. Bedragen in vreemde valuta werden omgerekend tegen de slotkoers op de balansdatum. Variabele rentebetalingen met betrekking tot financiële instrumenten werden berekend op basis van de toepasselijke termijnrentevoeten.
Afdekking
Alle financiële derivaten die de Groep aangaat, hebben betrekking op een onderliggende transactie of een verwacht risico. In functie van het verwachte effect op de winst-en-verliesrekening en als voldaan is aan de strikte criteria van IFRS 9, beslist de Groep geval per geval of hedge accounting zal toegepast worden. In de volgende secties worden de transacties beschreven waarvoor hedge accounting wordt toegepast en de transacties die niet in aanmerking komen voor hedge accounting, maar als een economische afdekking fungeren.
Hedge accounting
De Groep heeft geen hedge accounting toegepast in 2025 (2024: geen). Bijgevolg waren er geen reëlewaardeafdekkingen noch kasstroomafdekkingen in 2025 of 2024.
Economische afdekkingen en andere afzonderlijke derivaten
De Groep gebruikt ook financiële instrumenten die als economische afdekking fungeren, maar waarvoor geen hedge accounting wordt toegepast, ofwel omdat niet voldaan is aan de criteria die IFRS 9 "‘Financiële instrumenten" vooropstelt om in aanmerking te komen voor hedge accounting, ofwel omdat de Groep bewust besloten heeft om geen hedge accounting toe te passen. Deze derivaten worden verwerkt als afzonderlijke instrumenten aangehouden voor handelsdoeleinden.
- De Groep gebruikt cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om het valutarisico van intragroepsleningen tussen twee entiteiten met verschillende functionele valuta’s af te dekken. Tot op heden heeft de Groep ervoor gekozen om geen hedge accounting zoals gedefinieerd in IFRS 9 toe te passen. Aangezien nagenoeg alle cross-currency interest-rate swaps vlottend-vlottend zijn, wordt verwacht dat de wijziging in de reële waarde van het financieel instrument het omrekeningsresultaat als gevolg van de herwaardering van de intragroepsleningen zal compenseren. De belangrijkste betrokken valuta’s zijn de US dollar en Britse pond.
- Om het renterisico te beheren, gebruikt de Groep interest-rate swaps om haar schulden met variabele rentevoet om te zetten in schulden met vaste rentevoet. De Groep heeft niet langer uitstaande interest- rate swaps op jaareinde 2025 ter afdekking van de Schuldschein leningen met variabele rentevoeten (2024: € 80,5 miljoen).
- De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om haar valutarisico op diverse operationele en financiële transacties te beperken. De reëlewaardewijzigingen van alle termijnwisselcontracten worden onmiddellijk opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten.
- In juni 2019 is de Groep ingestapt in een overeenkomst tot virtuele aankoop van hernieuwbare energie (VPPA) in een windmolenpark in de VS. In juli 2022 werd een bijkomend contract afgesloten voor een zonne-energieproject, gelegen in Texas (VS). In juli 2024 sloot de Groep een bijkomend contract af voor een onshore wind park, gelegen in Roemenië. Zie ook toelichting ESRS E1.3. De karakteristieken van het contract zijn dusdanig dat de VPPA een derivaat vormt in overeenstemming met IFRS 9. Per 31 december 2025 bedroeg de reële waarde van het derivaat € 24,0 miljoen (2024: € 27,1 miljoen), als gevolg waarvan een verlies van € -3,2 miljoen werd erkend in overige financiële kosten.
- De putoptie met betrekking tot de bedrijfscombinatie met Flintstone in 2023 kwalificeert als een langlopende financiële verplichting gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst-en-verliesrekening.
Derivaten
Het volgende overzicht presenteert de notionele bedragen van de derivaten volgens hun looptijd. Indien derivaten worden aangemerkt voor hedge accounting conform IFRS 9 zal worden getoond of deze deel uitmaken van een reëlewaardeafdekking (FVH) of een kasstroomafdekking (CFH). Bekaert maakt per 31 december 2025 geen gebruik van hedge accounting:
| 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | Vervallend binnen het jaar | Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | Vervallend over meer dan 5 jaar | Aangehouden voor handelsdoeleinden |
| Termijnwisselcontracten | 67 102 | — | — | |
| Interest-rate swaps | 80 500 | — | — | |
| Cross-currency interest-rate swaps | 118 900 | — | — | |
| Totaal | 266 502 | — | — | — |
| 2025 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | Vervallend binnen het jaar | Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | Vervallend over meer dan 5 jaar | Aangehouden voor handelsdoeleinden |
| Termijnwisselcontracten | 62 186 | — | — | |
| Interest-rate swaps | — | — | — | |
| Cross-currency interest-rate swaps | 118 886 | — | — | |
| Totaal | 181 073 | — | — | — |
Het volgende overzicht vat de reële waarden van de verschillende derivaten samen. Indien derivaten worden aangemerkt voor hedge accounting conform IFRS 9 zal worden getoond of deze deel uitmaken van een reëlewaardeafdekking (FVH) of een kasstroomafdekking (CFH). Bekaert maakt per 31 december 2025 geen gebruik van hedge accounting:
Bekaert Jaarverslag 2025 − 174 −
| Reële waarde van korte- en langetermijnderivaten | Vorderingen | Verplichtingen | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2024 | 2025 | 2024 |
| Financiële instrumenten | |||
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | |||
| Termijnwisselcontracten | 271 558 | 648 | 376 |
| Interest-rate swaps | 961 | — | — |
| Cross-currency interest-rate swaps | 166 | 1 972 | 2 822 |
| Put-opties gerelateerd aan minderheidsbelangen | — | — | 1 206 |
| Overige derivaten | 27 140 | 23 995 | — |
| Totaal | 28 537 | 26 526 | 4 676 |
| Op meer dan een jaar | 28 100 | 23 995 | 1 206 |
| Op ten hoogste een jaar | 437 | 2 530 | 3 470 |
| Totaal | 28 537 | 26 526 | 4 676 |
In 2025 hadden de overige derivaatvorderingen betrekking op het VPPA derivaat voor € 24,0 miljoen (2024: € 27,1 miljoen).
De Groep heeft geen financiële activa en verplichtingen die gesaldeerd worden voorgesteld in de balans overeenkomstig IAS 32. De Groep gaat ISDA (Internationale Swaps en Derivaten Associatie)- raamovereenkomsten aan met de tegenpartijen voor de meeste van haar derivaten, die de tegenpartijen toelaten om vorderingen uit derivaten te salderen met verplichtingen uit derivaten bij het afwikkelen in geval van wanbetaling. Bij deze overeenkomsten worden geen waarborgen uitgewisseld, noch in geldmiddelen noch in beleggingsinstrumenten. Het potentieel effect van het salderen van derivatencontracten wordt hierna weergegeven:
| Effect van afdwingbare salderingsovereenkomsten | Vorderingen | Verplichtingen | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2024 | 2025 | 2024 |
| Totaal derivaten opgenomen in de balans | 28 537 | 26 526 | 4 676 |
| Afdwingbare salderingen | 166 | 1 972 | 166 |
| Nettobedragen | 28 704 | 28 498 | 4 843 |
Bijkomende toelichting met betrekking tot financiële instrumenten per klasse en categorie
De volgende tabellen tonen de verschillende klassen van financiële activa en verplichtingen met hun nettoboekwaarde en reële waarde, ingedeeld naargelang hun waarderingscategorie volgens IFRS 9 "Financiële instrumenten".
Geldmiddelen en kasequivalenten, geldbeleggingen, handelsvorderingen, overige vorderingen, ontvangen bankwissels en leningen en financiële vorderingen vervallen meestal op korte termijn. Daarom benadert hun nettoboekwaarde op de verslagdatum hun reële waarde. Ook handelsschulden en overige verplichtingen vervallen meestal op korte termijn en om dezelfde reden benadert hun nettoboekwaarde hun reële waarde. De Groep heeft overigens geen posities in collateralized debt obligations (CDOs).
Volgende afkortingen voor categorieën onder IFRS 9 worden hierna gebruikt:
| Afkorting | Categorie volgens IFRS 9 |
|---|---|
| GK | Financiële activa en financiële verplichtingen tegen geamortiseerde kostprijs |
| RWvOCI/EV | Eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen reële waarde via OCI |
| RWvR/Vpl | Financiële activa verplicht te waarderen tegen reële waarde via het resultaat |
| RWvR | Financiële verplichtingen aangehouden als tegen reële waarde via het resultaat |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 175 −
| Nettoboekwaarde t.o.v. | |
|---|---|
| reële waarde 31 december 2024 31 december 2025 in duizend € |
| Categorie volgens IFRS 9 | Netto- boekwaarde | Reële waarde | Netto- boekwaarde | Reële waarde |
|---|---|---|---|---|
| Activa | ||||
| Financiële activa op >1 jaar | ||||
| - Financiële & overige vorderingen en kaswaarborgen GK | 11 922 | 11 922 | 9 804 | 9 804 |
| - Beleggingen in aandelen RWvOCI/EV | 40 621 | 40 621 | 39 672 | 39 672 |
| - Derivaten - Aangehouden voor handelsdoeleinden RWvR/Vpl | 28 100 | 28 100 | 23 995 | 23 995 |
| Financiële activa op <= 1 jaar | ||||
| - Financiële & overige vorderingen en kaswaarborgen GK | 1 633 | 1 633 | -579 | -579 |
| - Geldmiddelen en kasequivalenten GK | 504 | 384 | 504 | 384 |
| - Geldbeleggingen GK | 2 312 | 2 312 | 1 045 | 1 045 |
| - Handelsvorderingen GK | 580 | 663 | 580 | 663 |
| - Ontvangen bankwissels GK | 29 110 | 29 110 | 19 680 | 19 680 |
| Overige activa op <= 1 jaar | ||||
| - Overige vorderingen GK | 14 939 | 14 939 | 17 001 | 17 001 |
| - Derivaten - Aangehouden voor handelsdoeleinden RWvR/Vpl | 437 | 437 | 2 530 | 2 530 |
| Verplichtingen | ||||
| Rentedragende schulden op > 1 jaar | ||||
| - Leaseverplichtingen GK | 74 950 | 74 950 | 70 822 | 70 822 |
| - Ontvangen kaswaarborgen GK | 135 | 135 | 122 | 122 |
| - Kredietinstellingen GK | 195 | 195 | 21 436 | 21 436 |
| - Schuldschein-lening GK | 20 939 | 20 939 | 20 984 | 20 984 |
| - Obligatieleningen GK | 400 000 | 378 300 | 259 000 | 250 237 |
| Rentedragende schulden op <= 1 jaar | ||||
| - Leaseverplichtingen GK | 24 262 | 24 262 | 23 692 | 23 692 |
| - Kredietinstellingen GK | 171 546 | 171 546 | 120 369 | 120 369 |
| - Schuldschein-lening GK | 110 500 | 110 500 | — | — |
| - Obligatieleningen GK | — | — | 200 000 | 196 092 |
| Overige verplichtingen op > 1 jaar | ||||
| - Putoptie RWvR | 1 206 | 1 206 | 1 966 | 1 966 |
| - Overige verplichtingen GK | 150 | 150 | 150 | 150 |
| Handelsschulden GK | 668 111 | 668 111 | 637 670 | 637 670 |
| Overige verplichtingen op <= 1 jaar | ||||
| - Overige verplichtingen GK | 23 423 | 23 423 | 38 650 | 38 650 |
| - Derivaten - Aangehouden voor handelsdoeleinden RWvR | 3 470 | 3 470 | 561 | 561 |
| Getotaliseerd per categorie volgens IFRS 9 | ||||
| Financiële activa GK | 1 144 963 | 1 144 963 | 1 099 175 | 1 099 175 |
| RWvOCI/EV | 40 621 | 40 621 | 39 672 | 39 672 |
| RWvR/Vpl | 28 537 | 28 537 | 26 526 | 26 526 |
| Financiële verplichtingen GK | 1 494 211 | 1 472 511 | 1 392 896 | 1 380 224 |
| RWvR | 4 676 | 4 676 | 2 527 | 2 527 |
De reële waarde van alle financiële instrumenten aangehouden in de balans tegen geamortiseerde kostprijs werd bepaald door het gebruik van "Niveau 2"-reëlewaardebepalingstechnieken. Voor de meeste financiële instrumenten benadert de netto-boekwaarde de reële waarde.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 176 −
Financiële instrumenten volgens de hiërarchie van reëlewaardebepalingen
De reëlewaardebepaling van financiële activa en verplichtingen kan worden getypeerd op een van de volgende manieren:
- "Niveau 1"-reëlewaardebepaling: de reële waarden van financiële activa en verplichtingen met standaardbepalingen en -condities en die verhandeld worden op actieve, liquide markten berusten op marktprijsnoteringen in die actieve markten voor identieke activa en verplichtingen. Dit is voornamelijk het geval voor financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde via OCI, zoals de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd (zie toelichting 6.6. "Overige vaste activa").
- "Niveau 2"-reëlewaardebepaling: de reële waarden van andere financiële activa en verplichtingen worden bepaald volgens algemeen aanvaarde waarderingsmodellen die gebaseerd zijn op verdisconteerde kasstroomanalyse en gebruik maken van beschikbare prijzen van recente markttransacties en prijsopgaven van handelaars in vergelijkbare instrumenten. Dit is voornamelijk het geval voor derivaten. Termijnwisselcontracten worden gewaardeerd op basis van beschikbare termijnwisselkoersen en rentecurves afgeleid van rentevoetnoteringen met termijnen die overeenkomen met de contracten. Interest-rate swaps worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige kasstromen en verdisconteerd met gebruik van de toepasselijke rentecurves afgeleid van rentevoetnoteringen. De reëlewaardebepaling van cross-currency interest-rate swaps is gebaseerd op verdisconteerde geschatte kasstromen met behulp van beschikbare termijnwisselkoersen en rentevoeten en de toepasselijke rentecurves hiervan afgeleid.
- "Niveau 3"-reëlewaardebepaling: de reële waarden van de overblijvende financiële activa en verplichtingen worden bepaald met waarderingstechnieken waarvan sommige inputs niet berusten op waarneembare marktgegevens. Bekaert heeft drie soorten van financiële instrumenten waarvoor de reëlewaardebepaling kan worden gezien als ‘niveau 3’, met name de VPPA-overeenkomst, de put optie en diverse eigenvermogensinstrumenten. De reële waarde van de VPPA-overeenkomst wordt bepaald op basis van een Monte Carlo waarderingsmodel. De belangrijkste factoren die de reële waarde van het VPPA-derivaat beÏnvloeden zijn de disconteringsvoet (niveau 2), de verwachte output aan energie op basis van windstudies in de omgeving en de prijsvolatiliteit in de piek- en daluren (niveau 3). De reële waarde van het belangrijkste eigenvermogensinstrument (Xinju Metal Products Co Ltd) wordt bepaald op basis van een kasstroomprognose met een tijdshorizon van 5 jaar, gebaseerd op het laatste businessplan, en gevolgd door een eindwaarde op basis van een nominale perpetuele groeivoet. De disconteringsvoet en EBITDA zijn de belangrijkste factoren die de reële waarde beïnvloeden. De reële waarde van de putoptie, met betrekking tot minderheidsbelangen, is gebaseerd op verdisconteerde geschatte earnouts.
| VPPA derivaat 31 december 2025 | Niveau 2-inputs | Niveau 3-inputs |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | Gewogen gemiddelde van curven van bedrijfsobligaties van beleggingskwaliteit | |
| Power forward sensitiviteit | Geschatte prijsprognose voor piek- en daluren | |
| Productie sensitiviteit | Gebaseerd op windstudies in de omgeving | |
| Uitkomsten van het model (in duizend €) | ||
| Reële waarde van het VPPA derivaat | 23 995 | |
| Put optie Flintstone 31 december 2025 | Niveau 3 inputs | |
| Discount rate | 12,60% |
De nettoboekwaarde (d.i. de reële waarde) van de niveau-3-verplichtingen/(vorderingen) is als volgt geëvolueerd:
| Niveau 3 - Financiële verplichtingen / (vorderingen) in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -37 569 | -54 593 |
| (Aanschaffingen) / Verkopen | -182 | -1 129 |
| (Winst) / verlies in reële waarde via andere elementen van het resultaat | -1 512 | 5 911 |
| (Winst) / verlies in reële waarde via resultaat | -15 330 | 3 144 |
| Per 31 december | -54 593 | -46 667 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 177 −
Winsten en verliezen op de reële waarde worden gerapporteerd in de overige financiële opbrengsten en lasten (€ -3.1 miljoen), behalve voor eigenvermogensinstrumenten waar bewegingen in reële waarde worden verwerkt via OCI (€ 24,0 miljoen) (zie toelichting 6.6. "Overige vaste activa").
De volgende tabel toont de sensitiviteit van de reëlewaardeberekening voor het VPPA-derivaat aan de belangrijkste inputs van niveau 3 bij Rockhound Solar D en Vifor RO Wind Project.
Sensitiviteitsanalyse Rockhound Solar D project in duizend €
| Wijziging | Impact op het VPPA derivaat |
|---|---|
| Power forward sensitiviteit | |
| +10% toename | met 3 387 |
| -10% afname | met -3 506 |
| Productie sensitiviteit | |
| +5% toename | met 2 281 |
| -5% afname | met -2 315 |
Sensitiviteitsanalyse Vifor RO Wind Project in duizend €
| Wijziging | Impact op het VPPA derivaat |
|---|---|
| Power forward sensitiviteit | |
| +10% toename | met 7 156 |
| -10% afname | met -7 165 |
| Productie sensitiviteit | |
| +5% toename | met 578 |
| -5% afname | met -623 |
Beleggingen in aandelen 31 december 2025
| Niveau 3 inputs | |
|---|---|
| Disconteringsvoet | Gewogen gemiddelde van de kapitaalkosten na belastingen |
| Resultaat (cash flow projectie) | EBITDA |
De sensitiviteit van de reëlewaardeberekening van het eigenvermogensinstrument in Xinju Metal Products Co Ltd (€ 8,0 miljoen) wordt hierna besproken:
- Indien EBITDA in alle jaren van het businessplan CNY 4,0 miljoen lager zou liggen, zou de reële waarde € 7,1 miljoen bedragen;
- Indien de disconteringsvoet 1% hoger zou zijn, zou de reële waarde € 9,3 miljoen bedragen;
- Indien EBITDA in alle jaren van het businessplan CNY 4,0 miljoen lager zou liggen en de disconteringsvoet 1% hoger zou zijn, zou de reële waarde € 7,6 miljoen bedragen.
De volgende tabel toont een analyse van financiële instrumenten die tegen reële waarde worden gewaardeerd in de balans volgens de hoger beschreven hiërarchie van reëlewaardebepalingen:
2024 in duizend €
| Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| Financiële activa verplicht te waarderen tegen reële waarde via het resultaat | ||||
| Vorderingen uit derivaten | — | 1 398 | 27 140 | 28 537 |
| Eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen reële waarde via OCI | ||||
| Beleggingen in aandelen | 13 168 | — | 27 453 | 40 621 |
| Totaal activa | 13 168 | 1 398 | 54 593 | 69 158 |
| Financiële verplichtingen aangehouden voor handelsdoeleinden | ||||
| Verplichtingen uit andere derivaten | — | 3 470 | — | 3 470 |
| Put-opties gerelateerd aan minderheidsbelangen | — | — | 1 206 | 1 206 |
| Totaal verplichtingen | — | 3 470 | 1 206 | 4 676 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 178 −
2025 in duizend €
| Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| Financiële activa verplicht te waarderen tegen reële waarde via het resultaat | ||||
| Vorderingen uit derivaten | — | 2 530 | 23 995 | 26 526 |
| Eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen reële waarde via OCI | ||||
| Beleggingen in aandelen | 17 001 | — | 22 671 | 39 672 |
| Totaal activa | 17 001 | 2 530 | 46 667 | 66 198 |
| Financiële verplichtingen aangehouden voor handelsdoeleinden | ||||
| Verplichtingen uit andere derivaten | — | 561 | — | 561 |
| Put-opties gerelateerd aan minderheidsbelangen | — | — | 1 966 | 1 966 |
| Totaal verplichtingen | — | 561 | 1 966 | 2 527 |
Kapitaalrisicobeheer
De Groep beheert haar kapitaal om te verzekeren dat haar entiteiten in staat zullen zijn hun activiteiten verder te zetten, en met de bedoeling de rentabiliteit voor haar aandeelhouders te maximaliseren door de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen te optimaliseren. De Groep heeft haar strategie in dit verband niet gewijzigd tegenover 2024. De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit nettoschuld, zoals gedefinieerd in toelichting 6.18. "Rentedragende schulden", en eigen vermogen (zowel toerekenbaar aan de Groep als aan minderheidsbelangen).
Gearing ratio
Het Audit, Risk en Finance Comité van de Groep controleert de kapitaalstructuur op halfjaarlijkse basis.Als onderdeel van deze controle wordt de kapitaalkost herzien en worden de risico’s geëvalueerd die verband houden met elke vorm van kapitaalverstrekking. De Groep beoogt een gearing ratio van 50%, gedefinieerd als de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen. Om deze doelstelling te realiseren (exclusief de impact van IFRS 16 "Leases"), volgt de Groep systematisch een aantal richtlijnen, o.a.
* strikte kostopvolging om de winstgevendheid te verbeteren;
* bewaken van het werkkapitaal door:
* operationele uitmuntendheid;
* succesvolle acties om vorderingen te innen;
* beter afgestemde betalingstermijnen;
* geoptimaliseerd gebruik van factoring;
* strikte controle op investeringen in materiële vaste activa;
* actief businessportfoliobeheer, met inbegrip van fusies, overnames en desinvesteringen.
| Gearing in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Nettoschuld | 283 015 | 180 106 |
| Eigen vermogen | 2 311 768 | 2 097 339 |
| Nettoschuld op eigen vermogen | 12,2% | 8,6% |
7.4. Voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen, gewaarborgde verplichtingen en activa verpand als waarborg
Per 31 december had de Groep de volgende belangrijke voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen:
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Voorwaardelijke verplichtingen | 5 429 | 3 800 |
| Toezeggingen tot aankoop van vaste activa | 58 499 | 40 406 |
| Toezeggingen tot deelneming in durfkapitaalfondsen | 4 690 | 1 840 |
Er waren op jaareinde 2025 geen bankgaranties gelinkt aan milieuverplichtingen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 179 −
Afgezien van de lease-overeenkomsten zijn er geen beperkingen in de realisatie van activa of het afwikkelen van verplichtingen. De leaseverplichtingen zijn effectief gewaarborgd aangezien de rechten op de geleasde activa die in de jaarrekening zijn opgenomen, in geval van wanbetaling aan de leasinggever toekomen. De voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen en de activa verpand als waarborg voor derden met betrekking tot de joint ventures staan beschreven in toelichting 6.5. "Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen".
7.5. Verbonden partijen
Transacties tussen de Onderneming en haar dochterondernemingen, die verbonden partijen zijn, werden geëlimineerd in de consolidatie en worden bijgevolg niet opgenomen in deze toelichting. Transacties met andere verbonden partijen worden hieronder toegelicht.
Transacties met joint ventures
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Verkopen van goederen | 8 525 | 7 595 |
| Aankopen van goederen | 12 967 | 12 513 |
| Geleverde diensten | 5 | 16 |
| Ontvangen royalty's en managementvergoedingen | 12 578 | 10 559 |
| Rente- en soortgelijke opbrengsten | 13 | 6 |
| Ontvangen dividenden | 47 185 | 46 834 |
Uitstaande balansposities tegenover joint ventures
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Handelsvorderingen | 4 797 | 2 172 |
| Overige kortetermijnvorderingen | 2 251 | 4 153 |
| Handelsschulden | 3 072 | 3 074 |
| Overige kortetermijnverplichtingen | 1 | 2 |
Geen enkele van de verbonden partijen heeft nog andere transacties aangegaan die voldoen aan de criteria van IAS 24 "Informatieverschaffing over verbonden partijen". De verkopen aan en aankopen van verbonden partijen vinden plaats onder voorwaarden die gelijkwaardig zijn aan de voorwaarden die gelden in zakelijke transacties. De uitstaande saldi aan het einde van het jaar zijn ongedekt en rentevrij en de afwikkeling vindt plaats in contanten. Voor lopende investeringsprojecten zijn voorschotten ontvangen. Meer informatie over transacties met joint ventures is opgenomen in toelichting 6.5. "Investeringen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen".
Vergoedingen Key Management
| in duizend € | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Aantal personen | 33 | 31 |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | ||
| Basisvergoedingen | 9 592 | 9 375 |
| Variabele vergoedingen | 3 714 | 2 297 |
| Vergoedingen als bestuurders van dochterondernemingen | 465 | 475 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | ||
| Vaste prestatie regelingen | 123 | 125 |
| Vaste bijdrage regelingen | 1 730 | 1 579 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 3 540 | 3 182 |
| Totaal brutovergoedingen | 19 164 | 17 033 |
| Gemiddelde brutovergoeding per persoon | 581 | 549 |
| Aantal toegekende prestatie-aandeeleenheden (zowel in eigenvermogensinstrumenten als in geldmiddelen afgewikkeld) | 104 058 | 134 409 |
| Aantal toe toe te kennen matching shares | 4 958 | 3 922 |
| Aantal toegekende aandelen | 10 323 | 2 150 |
Het Key Management omvat de Gedelegeerd Bestuurder, de leden van het Bekaert Group Executive (BGE) en de Senior Vice Presidents. Ook de leden van de Raad van Bestuur worden als "Verbonden partijen" beschouwd.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 180 −
Voor de toelichtingen die betrekking hebben op de Belgische Corporate Governance Code verwijzen wij naar het hoofdstuk "Corporate Governance Verklaring" in dit jaarverslag.
7.6. Gebeurtenissen na balansdatum
- Sedert 1 januari 2026 werden een totaal van 42 125 eigen aandelen vervreemd naar aanleiding van de uitoefening van aandelenopties onder de aandelenoptieplannen SOP 2015-2017 en werden in totaal 48 854 eigen aandelen overgedragen naar aanleiding van de definitieve verwerving van prestatieaandeeleenheden onder het Performance Share Plan.
- Op 28 januari 2026 kondigde Bekaert aan een overeenkomst te hebben bereikt met Bridgestone voor de overname van de bandenversterkingsactiviteiten in China en Thailand. Beide bedrijven tekenden een langetermijnleveringscontract, gekoppeld aan de overdracht van twee van Bridgestone's eigen productielocaties voor bandenkoord. Bekaert versterkt hiermee de leidende positie van zijn divisie Rubberversterking op de wereldwijde markt voor bandenversterking. De transactie zal naar verwachting in de eerste helft van 2026 worden afgerond, onder voorbehoud van de vereiste wettelijke goedkeuringen en gebruikelijke voorwaarden.
- In januari en maart 2026 heeft Bekaert het minderheidsbelang overgenomen in zowel Bekaert Binjiang Steel Cord Co. Ltd als China Bekaert Steel Cord Company Limited. In maart 2026 heeft Bekaert het minderheidsbelang in Flintstone Technology Limited overgenomen.
- Op 4 maart 2026 werd een toekenning van 112 841 in eigenvermogens-instrumenten afgewikkelde prestatieaandeeleenheden gedaan in het kader van het Performance Share Plan. De toegekende prestatieaandeeleenheden vertegenwoordigen een reële waarde van € 5,5 miljoen.
- Op 4 maart 2026 werd een toekenning van 21 465 in geldmiddelen afgewikkelde prestatieaandeeleenheden gedaan in het kader van het PSU A&L en PSU US Performance Share Plan. De toegekende prestatieaandeeleenheden vertegenwoordigen een reële waarde van € 1,0 miljoen.
7.7. Opdrachten uitgevoerd door de commissaris en aanverwante personen
Gedurende 2025 werden er door de commissaris en met hem beroepshalve in samenwerkingsverband opererende personen bijkomende opdrachten uitgevoerd ten belope van € 390 436. Deze vergoedingen hebben in essentie betrekking op aanvullende assurance‑diensten. De bijkomende diensten werden goedgekeurd door het Audit-, Risico- en Financieringscomité. De auditvergoedingen voor NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen bedroegen € 2 009 313.
7.8. Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen
Vennootschappen die deel uitmaken van de Groep op 31 december 2025
Dochterondernemingen
| Met industriële activiteit | Adres | FV¹ | %² |
|---|---|---|---|
| EMEA | |||
| Bekaert Advanced Cords Aalter NV | Aalter, België | EUR | 100 |
| Bekaert Bohumín sro | Bohumín, Tsjechië | CZK | 100 |
| Bekaert Bradford UK Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Bekaert Çelik Kord Sanayi ve Ticaret AS | Izmit, Turkije | EUR | 100 |
| Bekaert Combustion Technology BV | Assen, Nederland | EUR | 100 |
| Bekaert Heating Romania SRL | Negoiesti, Brazi Commune, Roemenië | RON | 100 |
| Bekaert Hlohovec as | Hlohovec, Slovakije | EUR | 100 |
| Bekaert Petrovice sro | Petrovice, Tsjechië | CZK | 100 |
| Bekaert Sardegna SpA | Assemini, Italië | EUR | 100 |
| Bekaert Slatina SRL | Slatina, Roemenië | RON | 100 |
| Bekaert Slovakia sro | Sládkovičovo, Slovakije | EUR | 100 |
| Bekintex NV | Wetteren, België | EUR | 100 |
| Bexco NV | Hamme, België | EUR | 100 |
| Bridon International Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Flexofibers Spain SL | Madrid, Spanje | EUR | 51 |
| Industrias del Ubierna SA | Burgos, Spanje | EUR | 100 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 181 −
| Met industriële activiteit | Adres | FV¹ | %² |
|---|---|---|---|
| OOO Bekaert Lipetsk | Gryazi, Rusland | RUB | 100 |
| VisionTek Engineering Srl | Rovereto, Italië | EUR | 100 |
| Noord-Amerika | |||
| Bekaert Corporation | Wilmington (Delaware), Verenigde Staten | USD | 100 |
| Bekaert Tire Reinforcement US Corporation | Wilmington (Delaware), Verenigde Staten | USD | 100 |
| Bridon-American Corporation | New York, Verenigde Staten | USD | 100 |
| Latijns-Amerika | |||
| Bekaert Ropes Brasil Ltda | São Paulo, Brazilië | BRL | 100 |
| Bekaert Ropes Chile SA | Maipú, Chili | CLP | 100 |
| Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS³ | Bogotá, Colombia | COP | 40 |
| Pacifisch Azië | |||
| Bekaert Applied Material Technology (Shanghai) Co Ltd | Shanghai, China | CNY | 100 |
| Bekaert Binjiang Steel Cord Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | CNY | 90 |
| Bekaert (China) Technology Research and Development Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | CNY | 100 |
| Bekaert (Chongqing) Steel Cord Co Ltd | Chongqing, China | CNY | 100 |
| Bekaert Eco-Solutions Pvt Ltd | Pune, India | INR | 100 |
| Bekaert Industries Pvt Ltd | Taluka Shirur, District Pune, India | INR | 100 |
| Bekaert (Jiangsu) Advanced Cords Co Ltd | Jiangyin, Wuxi (provincie Jiangsu), China | CNY | 100 |
| Bekaert Jiangyin Wire Products Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | CNY | 100 |
| Bekaert (Jining) Steel Cord Co Ltd | Jining, Yanzhou district (provincie Shandong), China | CNY | 60 |
| Bekaert New Materials (Suzhou) Co Ltd | Suzhou (provincie Jiangsu), China | CNY | 100 |
| Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd | Qingdao (provincie Shandong), China | CNY | 100 |
| Bekaert (Shandong) Tire Cord Co Ltd | Weihai (provincie Shandong), China | CNY | 100 |
| Bekaert (Shenyang) Advanced Cords Co Ltd | Shenyang (provincie Liaoning), China | CNY | 100 |
| Bekaert Shenyang Advanced Products Co Ltd | Shenyang (provincie Liaoning), China | CNY | 100 |
| Bekaert Toko Metal Fiber Co Ltd | Tokio, Japan | JPY | 70 |
| Bekaert Vietnam Co Ltd | Son Tinh District, provincie Quang Ngai, Vietnam | USD | 100 |
| Bekaert Wire Ropes Pty Ltd | Mayfield East, Australië | AUD | 100 |
| Bridon (Hangzhou) Ropes Co Ltd | Hangzhou (provincie Zhejiang), China | CNY | 100 |
| China Bekaert Steel Cord Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | CNY | 90 |
| PT Bekaert Indonesia | Karawang, |
| ¹ Functionele valuta | ² Belangenpercentage | |
|---|---|---|
| Bij de beoordeling van zeggenschap heeft de Groep rekening gehouden met de statuten, met name wat betreft de besluitvorming die betrekking heeft op het dagelijks bestuur van de dochteronderneming, en met specifieke clausules (vetorecht, enz.). |
Verkoopkantoren, magazijnen en andere
| Adres | FV¹ | %² |
|---|---|---|
| EMEA | ||
| Bekaert Emirates LLC Dubai, Verenigde Arabische Emiraten | AED | 49 |
| Bekaert Figline SpA Milaan, Italië | EUR | 100 |
| Bekaert France SAS Rijsel, Frankrijk | EUR | 100 |
| Bekaert Gesellschaft mbH Wenen, Oostenrijk | EUR | 100 |
| Bekaert GmbH Neu-Anspach, Duitsland | EUR | 100 |
| Bekaert Middle East LLC Dubai, Verenigde Arabische Emiraten | AED | 49 |
| Bekaert Norge AS Oslo, Noorwegen | NOK | 100 |
| Bekaert Poland Sp z oo Warsaw, Polen | PLN | 100 |
| Bekaert Portugal SA Porto, Portugal | EUR | 100 |
| Bekaert (Schweiz) AG Baden, Zwitserland | CHF | 100 |
| Bekaert Solutions Spain SL Barcelona, Spanje | EUR | 100 |
| Bekaert Svenska AB Göteborg, Zweden | SEK | 100 |
| Bekaert Jaarverslag 2025 − 182 − | ||
| Verkoopkantoren, magazijnen en andere | Adres | FV¹ |
| B K Arabia LLC Riyadh, Saudi Arabië | SAR | 100 |
| Bridon International GmbH Gelsenkirchen, Duitsland | EUR | 100 |
| Bridon Middle East FZE Sharjah, Verenigde Arabische Emiraten | AED | 100 |
| British Ropes Ltd Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Falconix Engineering GmbH Neu-Anspach, Duitsland | EUR | 100 |
| Flintstone Technology Ltd Dundee, Verenigd Koninkrijk | GBP | 75 |
| Leon Bekaert SpA Milaan, Italië | EUR | 100 |
| OOO Bekaert Wire Moskou, Rusland | RUB | 100 |
| Rylands-Whitecross Ltd Bradford, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Scheldestroom NV Zwevegem, België | EUR | 100 |
| Twil Company Bradford, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Noord-Amerika | ||
| Wire Rope Industries Ltd/Industries de Câbles d’Acier Ltée Montréal, Canada | CAD | 100 |
| Latijns-Amerika | ||
| Bekaert Ropes Peru SA Cercado de Lima, Peru | PEN | 96 |
| Bekaert Specialty Films de Mexico SA de CV Monterrey, Mexico | MXN | 100 |
| Bekaert Trade Mexico S de RL de CV Mexico Stad, Mexico | MXN | 100 |
| Specialty Films de Services Company SA de CV Monterrey, Mexico | MXN | 100 |
| Pacifisch Azië | ||
| Bekaert Japan Co Ltd Tokio, Japan | JPY | 100 |
| Bekaert Korea Ltd Seoel, Zuid-Korea | KRW | 100 |
| Bekaert Malaysia Sdn Bhd Kuala Lumpur, Maleisië | MYR | 100 |
| Bekaert Management (Shanghai) Co Ltd Shanghai, China | CNY | 100 |
| Bekaert New Materials Trading (Suzhou) Co Ltd Suzhou (provincie Jiangsu), China | CNY | 100 |
| Bekaert Taiwan Co Ltd Taipei Stad | TWD | 100 |
| Bekaert (Thailand) Co Ltd Rayong,Thailand | USD | 100 |
| BOSFA Pty Ltd Mayfield East, Australië | AUD | 100 |
| Bridon Hong Kong Ltd Hong Kong, China | HKD | 100 |
| Bridon New Zealand Ltd Aukland, Nieuw-Zeeland | NZD | 100 |
| Bridon Singapore Pte Ltd Singapore | SGD | 100 |
| Bridon (South East Asia) Ltd Hong Kong, China | HKD | 100 |
| PT Bekaert Trade Indonesia Karawang, Indonesië | USD | 100 |
| PT Bekaert Wire Indonesia Karawang, Indonesië | USD | 100 |
| ¹ Functionele valuta | ² Belangenpercentage | |
|---|---|---|
| Bekaert Jaarverslag 2025 − 183 − |
Financiële ondernemingen
| Adres | FV¹ | %² |
|---|---|---|
| Acma Inversiones SA Santiago, Chili | CLP | 100 |
| BBRG Finance (UK) Ltd Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 100 |
| Becare DAC Dublin, Ierland | EUR | 100 |
| Bekaert Building Products Hong Kong Ltd Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Coördinatiecentrum NV Zwevegem, België | EUR | 100 |
| Bekaert do Brasil Ltda Contagem, Brazilië | BRL | 100 |
| Bekaert Holding Hong Kong Ltd Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Ibérica Holding SL Burgos, Spanje | EUR | 100 |
| Bekaert Ideal SL Burgos, Spanje | EUR | 80 |
| Bekaert Investments NV Zwevegem, België | EUR | 100 |
| Bekaert Investments Italia SpA Milaan, Italië | EUR | 100 |
| Bekaert North America Management Corporation Wilmington (Delaware), Verenigde Staten | USD | 100 |
| Bekaert Services Hong Kong Ltd Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Specialty Wire Products Hong Kong Ltd Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Stainless Products Hong Kong Ltd Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Steel Cord Products Hong Kong Ltd Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Strategic Partnerships Hong Kong Ltd Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Wire Products Hong Kong Ltd Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Wire Rope Industry NV Zwevegem, België | EUR | 100 |
| Bridon-Bekaert Ropes Group Ltd Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 100 |
| Bridon Holdings Ltd Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Bridon Ltd Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
Joint ventures Met industriële activiteit
| Adres | FV¹ | %² |
|---|---|---|
| Latijns-Amerika | ||
| Belgo Bekaert Arames Ltda Contagem, Brazilië | BRL | 45 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda Vespasiano, Brazilië | BRL | 45 |
Verkoopkantoren, magazijnen en andere
| Adres | FV¹ | %² |
|---|---|---|
| EMEA | ||
| Netlon Sentinel Ltd Blackburn, Verenigd Koninkrijk | GBP | 50 |
| Pacifisch Azië | ||
| Bekaert Engineering (India) Pvt Ltd New Delhi, India | INR | 40 |
| ¹ Functionele valuta | ² Belangenpercentage | |
|---|---|---|
| Bekaert Jaarverslag 2025 − 184 − |
Wijzigingen in 2025
1. Nieuwe vennootschappen
Dochterondernemingen
| Adres | %¹ |
|---|---|
| Bekaert Solutions Spain SL Barcelona, Spanje | 100 |
| Bekaert Tire Reinforcement US Corporation Wilmington (Delaware), Verenigde Staten | 100 |
| B K Arabia LLC Ryadh, Saudi Arabië | 100 |
2. Verworven uit bedrijfscombinaties
Dochterondernemingen
| Adres | %¹ |
|---|---|
| Flexofibers Spain SL Madrid, Spanje | 51 |
3. Naamswijzigingen
| Nieuwe naam | Vorige naam |
|---|---|
| Bekaert Eco-Solutions Pvt Ltd | Bekaert Mukand Wire Industries Pvt Ltd |
| Bekaert Ropes Brasil Ltda | BBRG - Osasco Cabos Ltda |
| Bekaert Ropes Chile SA | Prodinsa SA |
| Bekaert Ropes Peru SA | Procables SA |
4. Desinvesteringen
Dochterondernemingen
| Adres | %¹ |
|---|---|
| Bekaert Guatemala SA Ciudad de Guatemala, Guatemala | 58 |
| BIA Alambres Costa Rica SA San José-Santa Ana, Costa Rica | 58 |
| Crastum Investments, SL Madrid, Spanje | 80 |
| Ideal Alambrec SA Quito, Ecuador | 58 |
| Invervicson SA Valencia, Venezuela | 80 |
| Vicson SA Valencia, Venezuela | 80 |
Joint ventures
| Adres | %¹ |
|---|---|
| Servicios Ideal AGF Inttegra Cia Ltda Quito, Ecuador | 29 |
5. Vereffening
| Ondernemingen | Adres |
|---|---|
| Bridon Scheme Trustees Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk |
In overeenstemming met de Belgische wetgeving geeft onderstaande tabel de kruispuntbanknummers van de Belgische ondernemingen weer.
| Ondernemingen | Kruispuntbanknummer |
|---|---|
| Bekaert Advanced Cords Aalter NV | BTW BE 0645.654.071 RPR Gent, afdeling Gent |
| Bekaert Coördinatiecentrum NV | BTW BE 0426.824.150 RPR Gent, afdeling Kortrijk |
| Bekaert Investments NV | BTW BE 0406.207.096 RPR Gent, afdeling Kortrijk |
| Bekaert Wire Rope Industry NV | BTW BE 0550.983.358 RPR Gent, afdeling Kortrijk |
| Bekintex NV | BTW BE 0452.746.609 RPR Gent, afdeling Dendermonde |
| Bexco NV | BTW BE 0412.623.251 RPR Gent, afdeling Dendermonde |
| NV Bekaert SA | BTW BE 0405.388.536 RPR Gent, afdeling Kortrijk |
| Scheldestroom NV | BTW BE 0403.676.188 RPR Gent, afdeling Kortrijk |
| ¹ Belangenpercentage | |
|---|---|
| Bekaert Jaarverslag 2025 − 185 − |
Informatie met betrekking tot de moedermaatschappij
Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA
Het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap NV Bekaert SA worden hierna in verkorte vorm weergegeven. Het verslag van de Raad van Bestuur ex artikel 3:6 van het Wetboek van vennootschappen is niet integraal opgenomen in het verslag ex artikel 3:32. Exemplaren van het volledig verslag van de Raad van Bestuur en van de volledige statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA zijn op verzoek gratis beschikbaar op volgend adres:
NV Bekaert SA
Bekaertstraat 2
BE-8550 Zwevegem
Belgium
www.bekaert.com
De commissaris heeft een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud gegeven met betrekking tot de statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA. Conform de wet zullen het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de jaarrekening van NV Bekaert SA samen met het verslag van de commissaris worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.
Verkorte resultatenrekening in duizend € - Jaren afgesloten op 31 december
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Omzet | 443 267 | 395 567 |
| Bedrijfsresultaat vóór niet-recurrente resultaten | 10 070 | 13 431 |
| Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten en -kosten | 20 | -45 967 |
| Bedrijfsresultaat na niet-recurrente resultaten | 10 090 | -32 535 |
| Financieel resultaat vóór niet-recurrente resultaten | 24 930 | 229 532 |
| Niet-recurrente financiële opbrengsten en -kosten | — | -23 861 |
| Financieel resultaat na niet-recurrente resultaten | 24 930 | 205 670 |
| Resultaat voor belastingen | 35 020 | 173 135 |
| Belastingen op het resultaat | 2 877 | 3 157 |
| Perioderesultaat | 37 897 | 176 291 |
Verkorte balans na resultaatsverwerking in duizend € - 31 december
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| Vaste activa | 2 061 397 | 1 992 370 |
| Immateriële activa | 96 795 | 97 741 |
| Materiële vaste activa | 62 680 | 46 057 |
| Financiële vaste activa | 1 901 922 | 1 848 572 |
| Vlottende activa | 386 453 | 390 699 |
| Totaal der activa | 2 447 850 | 2 383 068 |
| Eigen vermogen | 1 310 832 | 1 288 133 |
| Kapitaal | 159 782 | 159 782 |
| Uitgiftepremies | 39 517 | 39 517 |
| Herwaarderingsmeerwaarden | 1 995 | 1 995 |
| Wettelijke reserve | 17 792 | 17 792 |
| Onbeschikbare reserves | 74 786 | 68 538 |
| Beschikbare reserves en overgedragen resultaten | 1 016 960 | 1 000 509 |
| Voorzieningen | 31 615 | 33 777 |
| Schulden | 1 105 404 | 1 061 158 |
| Schulden op meer dan een jaar | 421 150 | 280 150 |
| Schulden op ten hoogste een jaar | 684 254 | 781 008 |
| Totaal der passiva | 2 447 850 | 2 383 068 |
| Bekaert Jaarverslag 2025 − 186 − | |
Waarderingsregels
De waarderings- en omrekeningsregels toegepast in de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap zijn gebaseerd op het Belgisch boekhoudrecht.
Samenvatting van het jaarverslag van de Raad van Bestuur
NV Bekaert SA realiseerde in 2025 een omzet van € 395,6 miljoen tegenover € 443,3 miljoen het jaar ervoor, een daling van 11%. Het bedrijfsresultaat vóór niet-recurrente resultaten bedroeg € +13,4 miljoen (2024: +10,1 miljoen). De niet-recurrente bedrijfsopbrengsten en -kosten (voornamelijk versnelde afschrijvingen en realisatie van materiële vaste activa) bedroegen in 2025 € -46,0 miljoen (2024: € +0,02 miljoen). Het financieel resultaat vóór niet-recurrente resultaten vertoonde een winst van € +229,5 miljoen, tegenover een winst van € +24,9 miljoen in 2024. De stijging is voornamelijk toe te schrijven aan hogere dividendinkomsten vanuit buitenlandse dochtervennootschappen. De niet-recurrente financiële opbrengsten en -kosten bedroegen in 2025 € -23,9 miljoen daar waar er geen niet-recurrente financiële resultaten waren in 2024.
| Bekaert Jaarverslag 2025 − 187 − | |
| :--- | :--- |Er was enerzijds de realisatie bij verkoop financiële vaste activa (€ +26,1 miljoen winst) alsook een afwaardering van financiële vaste activa van € -50 miljoen. De belastingen op het resultaat vertoonden een positief saldo van € +3,2 miljoen als gevolg van het in resultaat nemen van belastingkrediet op investeringen (€ +3,3 miljoen). Het boekjaar sloot af met een winst van € +176,3 miljoen, ten opzichte van een winst van € +37,9 miljoen in 2024.
Milieuprogramma’s
De voorzieningen voor milieusaneringsprogramma’s bedroegen € 15,3 miljoen (2024: € 15,7 miljoen).
Informatie omtrent onderzoek en ontwikkeling
Meer informatie omtrent de activiteiten van de Onderneming inzake onderzoek en ontwikkeling is te vinden in hoofdstuk ‘Onze kennis en innovatie' in Deel 1 'Strategie & Prestaties'.
Deelnemingen in het kapitaal
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft NV Bekaert SA aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5 de statutaire quota van 3% en 7,5% toegevoegd. In 2025 ontving de vennootschap volgende kennisgevingen. Op 31 december 2025 bedroeg het totale aantal effecten met stemrecht 51 315 868. De stemrechten verbonden aan de eigen aandelen die door de vennootschap worden gehouden, worden geschorst. Op 31 december 2025 bezat NV Bekaert SA 1 850 137 eigen aandelen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 187 −
| Kennisgevingsplichtige personen | Reden voor kennisgeving | Overschreden drempel | Datum van drempelover schrijding | Noemer Totaal aantal stemrechten | Totaal % stemrechten |
|---|---|---|---|---|---|
| Stichting Administratiekantoor Bekaert NV Bekaert SA | Verwerving of overdracht van stemrechtverlenende effecten of stemrechten NV Bekaert SA | 5% | 11/3/2025 | 54 286 986 | 2 719 568 5,01% |
| Stichting Administratiekantoor Bekaert NV Bekaert SA | Passieve drempeloverschrijding NV Bekaert SA | 5% | 6/4/2025 | 52 701 148 | 1 807 183 3,43% |
| Norges Bank | Verwerving of overdracht van stemrechtverlenende effecten of stemrechten | 3% | 15/9/2025 | 52 701 148 | 1 731 233 3,29% |
| Stichting Administratiekantoor Bekaert NV Bekaert SA | Verwerving of overdracht van stemrechtverlenende effecten of stemrechten NV Bekaert SA | 5% | 23/9/2025 | 52 701 148 | 2 639 879 5,01% |
| Stichting Administratiekantoor Bekaert NV Bekaert SA | Passieve drempeloverschrijding NV Bekaert SA | 5% | 24/9/2025 | 51 839 461 | 1 787 104 3,45% |
| Norges Bank | Onderschrijding van de laagste drempel | 3% | 3/10/2025 | 51 839 461 | 1 547 377 2,98% |
Gedetailleerde informatie is te vinden op: https://www.bekaert.com/en/investors/shareholder-information/ the-bekaert-share/shareholder-structure/transparency-disclosures
Bekaert Jaarverslag 2025 − 188 −
Voorstel van resultaatverwerking NV Bekaert SA 2025
Het resultaat van het boekjaar na belastingen bedroeg € 176 291 438 tegenover € 37 897 268 vorig boekjaar. De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering van 13 mei 2026 het resultaat als volgt zal bestemmen:
| in € | |
|---|---|
| Te bestemmen resultaat van het boekjaar | 176 291 438 |
| Toevoeging aan reserves | -81 582 270 |
| Uit te keren winst | 94 709 168 |
De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering een brutodividend zal uitkeren van € 1,95 per aandeel (2024: € 1,90 per aandeel). Het dividend is in euro betaalbaar op 19 mei 2026 bij de loketten van:
* ING België, BNP Paribas Fortis, KBC Bank, Bank Degroof Petercam en Belfius Bank in België;
* Société Générale in Frankrijk;
* ABN AMRO Bank in Nederland;
* UBS in Zwitserland.
Statutaire benoemingen
Het mandaat van de bestuurder Nicolas D’heygere en de onafhankelijke bestuurder Toralf Haag loopt af na afloop van de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 13 mei 2026. De Raad van Bestuur stelt voor dat de Algemene Vergadering van Aandeelhouders:
* Nicolas D’heygere herbenoemt tot bestuurder voor een termijn van vier jaar, tot en met de in 2030 te houden Gewone Algemene Vergadering,
* Toralf Haag herbenoemt tot onafhankelijk bestuurder voor een termijn van vier jaar tot en met de in 2030 te houden Gewone Algemene Vergadering.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 189 −
Alternatieve prestatiemaatstaven
| Maatstaf | Definitie | Reden voor gebruik |
|---|---|---|
| Kapitaalgebruik (CE) | Werkkapitaal + nettoboekwaarde van goodwill, immateriële en materiële vaste activa, en recht- op-gebruik activa. Het gemiddeld kapitaalgebruik (CE) wordt berekend als het CE op de balansdatum plus het CE van dezelfde periode van het voorgaande jaar, gedeeld door twee. | Kapitaalgebruik omvat de voornaamste balanselementen die het operationeel management actief en effectief kan beheren om de financiële prestaties te optimaliseren en dient als noemer van de ROCE. |
| Financiële autonomie | Eigen vermogen in verhouding tot totaal activa. | Deze ratio weerspiegelt de mate waarin de Groep met eigen vermogen gefinancierd is. |
| Courante ratio | Vlottende activa in verhouding tot de kortlopende schulden. | Deze ratio geeft aan of de Groep in staat is om met de kortlopende bezittingen de kortlopende schulden te betalen. |
| EBIT | Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation). | EBIT omvat de voornaamste elementen van de winst-en-verliesrekening die het operationeel management actief en effectief kan beheren om de rendabiliteit te optimaliseren, en dient o.a. als teller van de ROCE en de EBIT interestdekking. |
| EBIT – onderliggend (EBITu) | Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation) vóór bedrijfsopbrengsten en –kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieuvoorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben dat niet inherent aan de business is. | EBIT – onderliggend wordt gerapporteerd om de lezer een beter begrip te geven van de operationele rendabiliteit zonder eenmalige elementen, omdat deze een betere basis voor vergelijking en extrapolatie vormt. |
| EBITDA | Bedrijfsresultaat (EBIT) + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill. | EBITDA verschaft een maatstaf van operationele rendabiliteit zonder non-cash effecten van investerings-beslissingen uit het verleden en activa van het werkkapitaal. |
| EBITDA – onderliggend (EBITDAu) | EBITDA vóór bedrijfsopbrengsten en –kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieuvoorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben dat niet inherent aan de business is. | EBITDA – onderliggend wordt gerapporteerd om de lezer een beter begrip te geven van de operationele rendabiliteit zonder eenmalige elementen en non-cash effecten van investeringsbeslissingen uit het verleden en activa van het werkkapitaal, omdat deze een betere basis voor vergelijking en extrapolatie vormt. |
| EBIT interestdekking | Bedrijfsresultaat (EBIT) gedeeld door de nettorentelasten. | De EBIT interestdekking toont in welke mate de Groep in staat is om de interesten op schulden te betalen via zijn operationele rendabiliteit. |
| Vrije kasstroom | Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten - investeringen in vaste activa + ontvangen dividenden - netto betaalde rente. | De vrije kasstroom vertegenwoordigt de kasstroom die een onderneming ter beschikking heeft voor het terugbetalen van rentedragende schulden of het uitbetalen van dividenden aan beleggers. |
| Gearing | Nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen. | Gearing reflecteert de verhouding externe financiering tegenover eigen vermogen, en toont in welke mate de operaties gefinancierd zijn door kredietverstrekkers dan wel aandeelhouders. |
| Marge op omzet | EBIT, EBIT-onderliggend, EBITDA en EBITDA- onderliggend op omzet. | Elk van deze ratio’s vertegenwoordigt een specifieke maatstaf van de operationele rendabiliteit uitgedrukt als een percentage op omzet. |
| Nettokapitalisatie | Nettoschuld + eigen vermogen. | Nettokapitalisatie reflecteert het totaal bedrag waarvoor de Groep gefinancierd is door kredietverstrekkers en aandeelhouders. |
| Nettoschuld | Rentedragende schulden, veminderd met vorderingen uit leningen, geldbeleggingen, financiële vorderingen op ten hoogste één jaar en kaswaarborgen op meer dan één jaar, geldmiddelen en kasequivalenten. | Nettoschuld is een maatstaf van schuld na aftrek van financiële activa die kunnen ingezet worden om de brutoschuld af te lossen. |
| Nettoschuld op EBITDA | Nettoschuld gedeeld door EBITDA, waarbij EBITDA gebaseerd is op de afgelopen 12 maanden. | Nettoschuld op EBITDA toont in welke mate (uitgedrukt in aantal jaren) de Groep in staat is om zijn schulden af te lossen via zijn operationele rendabiliteit. |
| Operationele vrije kasstroom | Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten - investeringen in vaste activa (na aftrek van inkomsten uit de verkoop van vaste activa). | De operationele vrije kasstroom reflecteert de nettokasstroom die nodig is om de operationele activiteiten te ondersteunen (behoefte aan werkkapitaal en investeringen in vaste activa). |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 190 −
| Maatstaf | Definitie | Reden voor gebruik |
|---|---|---|
| ROCE | Bedrijfswinst (EBIT) van de afgelopen 12 maanden in verhouding tot gemiddeld kapitaalgebruik (Return On Capital Employed). | ROCE reflecteert de operationele rendabiliteit van de Groep in verhouding tot de geldmiddelen die ingezet en beheerd worden door het operationeel management. |
| ROE | Perioderesultaat van de afgelopen 12 maanden in verhouding tot gemiddeld eigen vermogen (Return On Equity). Het gemiddeld eigen vermogen wordt berekend als het eigen vermogen op balansdatum plus het eigen vermogen van dezelfde periode van het voorgaande jaar, gedeeld door twee. | ROE reflecteert de nettorendabiliteit van de Groep in verhouding tot het eigen vermogen dat zijn aandeelhouders ter beschikking gesteld hebben. |
WACC Kost van het vermogen gewogen aan een beoogde gearing ratio van 50% (nettoschuld/ eigen vermogen structuur) na belastingen. WACC reflecteert het rendement van een belegging in de Onderneming.
Werkkapitaal Voorraden + handelsvorderingen + ontvangen bankwissels + betaalde voorschotten - handelsschulden – ontvangen voorschotten – schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid – belastingen m.b.t. personeel. Het werkkapitaal omvat alle vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar die het operationeel management actief en effectief kan beheren om de financiële prestaties te optimaliseren. Het komt overeen met de kortetermijncomponent van het kapitaalgebruik.
Werkkapitaal ten opzichte van de omzet Werkkapitaal gedeeld door de omzet van het recentste kwartaal, vermenigvuldigd met 4. De verhouding tussen werkkapitaal en omzet wordt gebruikt om te beoordelen hoe efficiënt het bedrijf zijn kortetermijnactiva (werkkapitaal) inzet om inkomsten te genereren. Deze ratio geeft aan hoe goed het bedrijf erin slaagt om zijn vlottende activa om te zetten in verkoop en hoe effectief het zijn dagelijkse bedrijfsvoering beheert.
Interne Bekaert Management Reporting Heeft als focus de operationele prestaties van de industriële ondernemingen van de Groep, waarbij financiële ondernemingen en andere niet- industriële ondernemingen worden weglaten. In een flash benadering waarin niet alle consolidatieposten opgenomen worden die zijn weerspiegeld in de volledige consolidatie waarop het jaarverslag is gebaseerd. Deze pragmatische aanpak maakt een kort opvolgingsproces mogelijk over de operationele prestaties van de onderneming doorheen het jaar. in miljoen €
Toelichting in het jaarverslag
| Nettoschuld | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | 421 | 302 |
| Leaseverplichting op meer dan een jaar | 75 | 71 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | 282 | 320 |
| Leaseverplichting op ten hoogste een jaar | 24 | 24 |
| Totale financiële schuld | 803 | 716 |
| Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar | -11 | -9 |
| Leningen en kaswaarborgen op ten hoogste een jaar | -2 | 1 |
| Geldbeleggingen | -2 | -1 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | -504 | -527 |
| Nettoschuld | 283 | 180 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 191 −
| Kapitaalgebruik | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Immateriële vaste activa | 93 | 93 |
| Goodwill | 166 | 165 |
| Materiële vaste activa | 1 200 | 1 029 |
| Recht-op-gebruik vaste activa | 145 | 132 |
| Operationeel werkkapitaal | 653 | 524 |
| Kapitaalgebruik | 2 258 | 1 943 |
| Gemiddeld kapitaalgebruik * | 2 186 | 2 100 |
- De definitie van het gemiddeld kapitaalgebruik is gewijzigd ten opzichte van vorig jaar (zie "Alternatieve prestatiemaatstaven") om beter in lijn te zijn met de marktpraktijk.
| Werkkapitaal | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Voorraden | 834 | 735 |
| Handelsvorderingen | 581 | 526 |
| Ontvangen bankwissels | 29 | 20 |
| Betaalde voorschotten | 25 | 20 |
| Handelsschulden | -668 | -638 |
| Ontvangen voorschotten | -18 | -30 |
| Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid | -118 | -100 |
| Belastingen m.b.t. personeel | -12 | -9 |
| Operationeel werkkapitaal | 653 | 524 |
| Werkkapitaal ten opzichte van de omzet | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Werkkapitaal | 653 | 524 |
| Verkoop van het meest recente kwartaal * | 3 768 | 3 491 |
| Werkkapitaal ten opzichte van de omzet | 17,3% | 15,0% |
Van EBIT-onderliggend naar EBITDA
| 2024 | 2025 | |
|---|---|---|
| EBIT | 296 | 135 |
| Waardeverminderingen op immateriële vaste activa | 14 | 16 |
| Afschrijvingen materiële vaste activa | 130 | 124 |
| Afschrijvingen recht-op-gebruik vaste activa | 30 | 28 |
| Waardeverminderingen/(terugname van waardeverminderingen) op voorraden en vorderingen | -22 | 2 |
| Bijzondere waardeverminderingen/ (terugnames van afschrijvingen of bijzondere waardeverminderingen) op vaste activa | 10 | 102 |
| EBITDA | 457 | 406 |
| EBITDA - Onderliggend | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| EBIT - Onderliggend | 348 | 297 |
| Waardeverminderingen op immateriële vaste activa | 14 | 16 |
| Afschrijvingen materiële vaste activa | 126 | 124 |
| Afschrijvingen recht-op-gebruik vaste activa | 30 | 28 |
| Waardeverminderingen/(terugname van waardeverminderingen) op voorraden en vorderingen | 2 | 3 |
| Bijzondere waardeverminderingen/ (terugnames van afschrijvingen of bijzondere waardeverminderingen) op vaste activa | 1 | 2 |
| EBITDA - Onderliggend | 520 | 469 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 192 −
| ROCE | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| EBIT | 296 | 135 |
| Gemiddeld kapitaalgebruik | 2 186 | 2 100 |
| ROCE * | 13,5% | 6,4% |
- De definitie van ROCE is gewijzigd ten opzichte van vorig jaar (zie "Alternatieve prestatiemaatstaven") om beter in lijn te zijn met de marktpraktijk.
| EBIT Interestdekking | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| EBIT | 296 | 135 |
| (Renteopbrengsten) | -18 | -11 |
| Rentelasten | 38 | 32 |
| (Rentegedeelte van verdisconteerde voorzieningen) | -4 | 2 |
| Netto rentelasten | 16 | 23 |
| EBIT interestdekking | 18,33 | 5,85 |
| ROE (rentabiliteit eigen vermogen) | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Perioderesultaat | 244 | 65 |
| Gemiddeld eigen vermogen (periode gewogen) | 2 239 | 2 205 |
| ROE * | 10,9% | 2,9% |
- De definitie van ROE is gewijzigd ten opzichte van vorig jaar (zie "Alternatieve prestatiemaatstaven") om beter in lijn te zijn met de marktpraktijk.
| Kapitalisatie ratio (Financiële autonomie) | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Eigen vermogen | 2 312 | 2 097 |
| Totaal activa | 4 162 | 3 802 |
| Financiële autonomie | 55,5% | 55,2% |
| Gearing (nettoschuld op eigen vermogen) | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Nettoschuld | 283 | 180 |
| Eigen vermogen | 2 312 | 2 097 |
| Gearing (nettoschuld op eigen vermogen) | 12,2% | 8,6% |
| Nettoschuld op EBITDA | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Nettoschuld | 283 | 180 |
| EBITDA (laatste twaalf maanden) | 457 | 406 |
| Nettoschuld op EBITDA * | 0,62 | 0,44 |
- De definitie van nettoschuld ten opzichte van EBITDA is gewijzigd ten opzichte van vorig jaar (zie "Alternatieve prestatiemaatstaven") om beter in lijn te zijn met de marktpraktijk.
| Nettoschuld op EBITDA - Onderliggend | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Nettoschuld | 283 | 180 |
| EBITDA-Onderliggend (laatste twaalf maanden) | 520 | 469 |
| Nettoschuld op EBITDA - Onderliggend * | 0,54 | 0,38 |
- De definitie van nettoschuld ten opzichte van onderliggende EBITDA is gewijzigd ten opzichte van vorig jaar (zie "Alternatieve prestatiemaatstaven") om beter in lijn te zijn met de marktpraktijk.
| Courante ratio | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | 2 152 | 1 995 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 1 249 | 1 233 |
| Courante ratio | 1,72 | 1,62 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 193 −
| Operationele vrije kasstroom | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 374 | 450 |
| Investeringen in immateriële vaste activa | -26 | -30 |
| Investeringen in materiële vaste activa | -196 | -139 |
| Investeringen in recht-op-gebruik land | — | — |
| Inkomsten uit verkoop van vaste activa | 10 | 15 |
| Operationele vrije kasstroom | 162 | 296 |
| Vrije kasstroom | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 374 | 450 |
| Investeringen in immateriële vaste activa | -26 | -30 |
| Investeringen in materiële vaste activa | -196 | -139 |
| Investeringen in recht-op-gebruik land | — | — |
| Ontvangen dividenden | 51 | 48 |
| Ontvangen rente | 18 | 11 |
| Betaalde rente | -29 | -26 |
| Vrije kasstroom | 193 | 314 |
| Onderliggende opbrengst per aandeel | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| EBITu | 348 | 297 |
| Renteopbrengsten | 18 | 11 |
| (Rentelasten) | -38 | -32 |
| Overige financiële opbrengsten/(lasten) | -19 | -28 |
| (Winstbelasting) | -63 | -59 |
| Aandeel in het resultaat van JVs en geassocieerde deelnemingen | 49 | 38 |
| (Resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen) | -5 | 3 |
| Onderliggende opbrengsten toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert | 291 | 229 |
| Onderliggende winst per aandeel basisberekening | 5,55 | 4,52 |
| Onderliggende winst per aandeel na verwateringseffect | 5,54 | 4,51 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 194 −
Verslag van de commissaris
Bekaert Jaarverslag 2025 − 195 −
Bekaert Jaarverslag 2025 − 196 −
Bekaert Jaarverslag 2025 − 197 −
Bekaert Jaarverslag 2025 − 198 −
Bekaert Jaarverslag 2025 − 199 −
Duurzaamheidsinformatie
Bekaert Jaarverslag 2025 − 201 −
Algemene toelichtingen (ESRS 2)
Grondslag voor het opstellen van informatie
Algemene grondslag voor het opstellen van duurzaamheidsinformatie (BP1)
Bekaerts jaarverslag weerspiegelt hoe we de belangen en opvattingen van onze stakeholders integreren in de manier waarop we zaken doen en onze activiteiten beheren. Het is slechts één element van wisselwerking en communicatie tussen ons en onze stakeholders. Dit rapport omvat de geconsolideerde prestatie- indicatoren voor alle dochterondernemingen van de Bekaert Groep. Geconsolideerde data is van toepassing op de 100%-dochterondernemingen van NV Bekaert SA en deze waarin NV Bekaert SA een meerderheidsparticipatie heeft. Wanneer specifiek vermeld, omvatten (gezamenlijke) verklaringen in het rapport ook de prestatie- indicatoren van joint ventures, beschouwd aan 100% (en niet aan het aandeel eigen vermogen). Informatie over materiële impacts, risico's en kansen via onze upstream- en downstreamwaardeketen is opgenomen in onze duurzaamheidsverklaringen. Dit rapport beslaat de activiteiten tussen 1 januari 2025 en 31 december 2025, tenzij anders aangegeven en indien relevant voor het rapport. Bekaert rapporteert halfjaarlijks over de financiële resultaten (halfjaar- en jaarresultaten). Bekaert rapporteert jaarlijks over de duurzaamheidsprestaties van de Groep. ESRS BP1 §5a, b i, b ii, c, d
Rapportage over specifieke omstandigheden (BP2)
Schattingen van de waardeketen, bronnen van schattingsonzekerheden en onzekere uitkomsten Bij het opstellen van de ESG-verklaringen zijn aannames, oordelen en schattingen toegepast die een invloed hebben op bepaalde gerapporteerde prestatie-indicatoren, die inherent onzekerheid inhouden. Schattingen en onderliggende aannames worden regelmatig herzien om de nauwkeurigheid te verbeteren. We streven ernaar de nauwkeurigheid voortdurend te verbeteren en de afhankelijkheid van aannames te verminderen door betere gegevensbronnen te evalueren en te integreren zodra deze beschikbaar zijn.Het gebruik van schattingen voor prestatie- indicatoren, ook wanneer data voor de upstream en downstream waardeketen is inbegrepen, is beschreven in de rapportering van de individuele topics. Over het algemeen hebben indicatoren met betrekking tot onze eigen activiteiten een hogere graad van primaire data, terwijl indicatoren over de waardeketen vaak geschat worden en dus een hogere graad van onzekerheid hebben. Alle veronderstellingen en potentiële onzekerheden worden gedocumenteerd in de rapportering van de topics. Met uitzondering van door derden geverifieerde levenscyclusanalyses (LCA's) zijn alle gerapporteerde indicatoren uitsluitend onafhankelijk geverifieerd door de Statutair Commissaris. Zijn verslag is beschikbaar in de rubriek ’Verslag van de Commissaris' op pagina 295. ESRS 2 BP2 §10, 11 Bekaert Jaarverslag 2025 − 202 −
Datapunten afgeleid van andere EU-wetgeving
Geen van de EU-wetgevingen volgens Bijlage B van ESRS 2 is van toepassing, met uitzondering van de EU Klimaatwetgeving. We verwijzen naar rubriek E1-1 op pagina 227 en rubriek E1-7 op pagina 249.
Wijzigingen in duurzaamheidsrapportering
In 2025 hebben we onze dubbele materialiteitsbeoordeling bijgewerkt (zie rubriek SBM-3 op pagina 209). Als gevolg daarvan is S4 'Consumenten en eindgebruikers' niet langer materieel en is de rapportering stopgezet. Deze wijziging weerspiegelt een herclassificatie van cybergerelateerde risico's, datalekken en cyberbeveiligingsincidenten die een impact hebben op consumenten en eindgebruikers, vanuit ESG-perspectief. Cyberveiligheid en dataprivacy blijven echter erg belangrijk voor ons. Deze onderwerpen blijven geclassificeerd als materieel onder Enterprise Risk Management en worden behandeld in de Corporate Governance- verklaring en in de rubriek Onze kennis onder 'Strategie & Prestaties'. In 2025 hebben we onze doelen voor duurzaam aankopen aangepast aan de verwachting van stakeholders, marktpraktijken en veranderende wettelijke vereisten. Meer informatie is beschikbaar in rubriek S2-5 op pagina 289.
Opname door middel van verwijzing
De volgende informatie wordt openbaar gemaakt door middel van verwijzing:
| ESRS | Beschrijving rapportering | Waarnaar wordt verwezen in |
|---|---|---|
| ESRS 2 Algemene toelichtingen | GOV-1 De rol van de Raad van Bestuur | Corporate Governance Verklaring Corporate Governance charter op de website van Bekaert |
| GOV-2 Informatie verstrekt aan en duurzaamheidsthema's behandeld door de Raad van Bestuur | Corporate Governance Verklaring | |
| IRO-1 Dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure | GOV-3 Integratie van duurzaamheidsprestaties in incentiveprogramma's | Remuneratieverslag |
| GOV-4 Due-diligenceverklaring | S1-4 Onze acties om materiële impacts, risico's en kansen met betrekking tot ons eigen personeel te beheren | |
| S2-2 Hoe we met werknemers in de waardeketen overleggen | SBM-1 Strategie, businessmodel en waardeketen Bekaert in een oogopslag: Over ons Financieel overzicht: Segmentrapportering | |
| SBM-2 Belangen en opvattingen van stakeholders | IRO-1 Dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure IRO-1 Dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure SBM-1 Strategie, businessmodel en waardeketen SBM-2 Belangen en opvattingen van stakeholders | |
| IRO-2 Rapportage-eisen in ESRS opgenomen in onze duurzaamheidsinformatie | Content Index | |
| Milieu | EU-Taxonomie Financieel overzicht, toelichting 2.4 | |
| E1 - SBM-3 | Materiële impacts, risico's en kansen en hun wisselwerking met de strategie en het businessmodel | |
| E1-3 | Onze acties en middelen inzake klimaatverandering | E3 Water E5-2 Onze acties en middelen inzake materiaalgebruik en circulaire economie |
| S1-1 | Beleid ten aanzien van eigen personeel | S2 Werknemers in de waardeketen |
| E1-1 | Ons transitieplan voor klimaatmitigatie | EU-Taxonomie E1-3 Onze acties en middelen inzake klimaatverandering E1-4 Onze doelen inzake klimaatverandering E5-2 Onze acties en middelen inzake materiaalgebruik en circulaire economie |
| E1 - SBM-3 | Materiële impacts, risico's en kansen en hun wisselwerking met de strategie en het businessmodel | Enterprise Risk Management IRO-1 Dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure |
| E1-6 | Bruto scope 1-, 2-, 3- emissies en totale broeikasgasemissies | E1 - IRO-1 Onze processen om materiële klimaatimpact, risico's en kansen te identificeren en te beoordelen E1 - SBM-3 Materiële impacts, risico's en kansen en hun wisselwerking met de strategie en het businessmodel |
| E1-2 | Beleid ten aanzien van klimaatmitigatie en klimaatadaptatie | Beleid inzake energie en klimaatverandering op onze website E1-3 Onze acties en middelen inzake klimaatverandering |
| EU-Taxonomie | Bekaert Jaarverslag 2025 − 203 − | |
| ESRS | Beschrijving rapportering | Waarnaar wordt verwezen in |
| E2 - IRO-1 | Onze processen om materiële impact, -risico's en -kansen inzake verontreiniging te identificeren en te beoordelen | IRO-1 Dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure |
| E2-1 | Beleid ten aanzien van zorgwekkende stoffen | Beleid van Bekaert inzake Veiligheid, Gezondheid en Milieu op onze website |
| E3 - IRO-1 | Onze processen om materiële impact, risico's en kansen inzake water te identificeren en te beoordelen | IRO-1 Dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure Risicostudie fysische risico's in |
| E1 - SBM-3 | Materiële impacts, risico's en kansen en hun wisselwerking met de strategie en het businessmodel | |
| E3-1 | Beleid ten aanzien van water | |
| E3-2 | Onze acties en middelen inzake water | Waterbeleid op onze website |
| E3-2 | Onze acties en middelen inzake water | E1-3 Onze acties en middelen inzake klimaatverandering |
| E3-3 | Doelen inzake water | E3-2 Onze acties en middelen inzake water |
| E5 - IRO-1 | Onze processen om materiële impacts, risico’s en kansen inzake materiaalgebruik en circulaire economie te identificeren en te beoordelen | IRO-1 Dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure |
| E5-1 | Beleid ten aanzien van materiaalgebruik en circulaire economie | Beleid inzake materiaalgebruik en circulaire economie op onze website |
| E5-2 | Onze acties en middelen inzake materiaalgebruik en circulaire economie | |
| E5-4 | Materiaalinstromen | |
| E5-5 | Materiaaluitstromen | |
| Sociaal | S1 - SBM-3 Materiële impacts, risico's en kansen en hun wisselwerking met de strategie en het businessmodel | SBM-3 Materiële impacts, risico's en kansen en hun wisselwerking met de strategie en het businessmodel |
| S1-1 | Beleid ten aanzien van eigen personeel | Mensenrechtenbeleid, Bekaert Gedragscode en beleid inzake Veiligheid, Gezondheid en Milieu op onze website |
| S1-2 | Hoe we met ons eigen personeel overleggen | S1-1 Beleid ten aanzien van eigen personeel |
| S1-4 | Onze acties om materiële impacts, risico's en kansen inzake ons eigen personeel te beheren | S1-1 Beleid ten aanzien van eigen personeel S1-2 Hoe we met ons eigen personeel overleggen |
| S1-6 | Kenmerken van onze medewerkers | Segmentrapportering in het Financieel Overzicht |
| S2 - SBM-3 | Materiële impacts, risico's en kansen en hun wisselwerking met de strategie en het businessmodel | |
| S2-1 | Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen | |
| S2-2 | Hoe we met werknemers in de waardeketen overleggen | S2-1 Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen S1-1 Beleid ten aanzien van eigen personeel |
| S1-3 | Speak up! Ons processen om negatieve impact te herstellen en het kanaal om bezorgdheid te uiten | Bekaert Gedragscode voor leveranciers op onze website |
| S2-2 | Hoe we met werknemers in de waardeketen overleggen | Het beleid van Bekaert inzake verantwoord aankopen van mineralen op onze website |
| S2-3 | Onze processen om negatieve impacts te herstellen en bezorgdheid te uiten | S1-3 Speak up! Ons proces om negatieve impacts te herstellen en het kanaal om bezorgdheid te uiten S2-1 Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen |
| S2-4 | Onze acties om materiële impacts, risico's en kansen inzake werknemers in de waardeketen te beheren | S2-2 Hoe we met werknemers in de waardeketen overleggen over impacts |
| Governance | G1 GOV-1 De rol van de Raad van Bestuur | GOV-1 De rol van de Raad van Bestuur |
| G1-1 | Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur | S1-1 Beleid ten aanzien van eigen personeel S1-4 Onze acties om materiële impacts, risico’s en kansen inzake ons eigen personeel te beheren S1-2 Hoe we met ons eigen personeel overleggen S1-3 Speak up! Ons proces om negatieve impacts te herstellen en het kanaal om bezorgdheid te uiten Het Bekaert anti-omkoping- en anticorruptiebeleid op onze website S2-1 Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen Het beleid van Bekaert inzake het melden van integriteitskwesties op onze website |
| ESRS 2 BP2 §16 | Bekaert Jaarverslag 2025 − 204 − |
Governance
De rol van de Raad van Bestuur (GOV-1)
Het aantal uitvoerende en niet-uitvoerende leden van onze Raad van Bestuur wordt beschreven in de Corporate Governance Verklaring, rubriek Raad van Bestuur op pagina 52 van dit verslag. ESRS 2 GOV-1 §21a
In overeenstemming met de Belgische wetgeving heeft NV Bekaert SA geen werknemersvertegenwoordiging in de Raad van Bestuur. ESRS 2 GOV-1 §21b
De ervaring van de leden van de Raad van Bestuur met betrekking tot sectoren, producten en geografische locaties wordt beschreven in de Corporate Governance Verklaring, rubriek Raad van Bestuur op pagina 52 van dit verslag en op onze website. De bestuurders hebben toegang tot een opleidingsprogramma voor de Raad van Bestuur waarin duurzaamheid en leiderschap op het gebied van ESG aan bod komt. ESRS 2 GOV-1 §21c
De gegevens over geslacht, leeftijd en nationaliteit van de Raad van Bestuur zijn beschreven in de Corporate Governance Verklaring, rubriek Diversiteit op pagina 58 van dit verslag. ESRS 2 GOV-1 §21d
36,36% van de bestuurders is onafhankelijk. ESRS 2 GOV-1 §21e
De rol en verantwoordelijkheden van de Raad van Bestuur met betrekking tot duurzaamheidsthema's worden beschreven in de rubrieken Raad van Bestuur (pagina 52 ) en Audit, Risk en Finance Comité (pagina 54) in dit verslag. Hoewel de volledige Raad van Bestuur verantwoordelijk blijft voor het toezicht, heeft de Raad één hoofdbestuurder benoemd voor duurzaamheidsaangelegenheden. ESRS 2 GOV-1 §22b, ESRS 2 GOV-1 §22c i, c ii, c iii
De verantwoordelijkheid voor het toezicht op duurzaamheid is geïntegreerd in de bestaande structuur van de Raad van Bestuur en de Comités van de Raad van Bestuur.De algemene verantwoordelijkheid berust bij de Raad van Bestuur, ondersteund door specifieke verantwoordelijkheden die zijn toegewezen aan het Audit, Risk en Finance-comité (proces en controles; audits; toelichting en rapportering) en het Benoemings- en Remuneratiecomité (vaardigheden van Bestuurders; talent en bedrijfscultuur; verantwoording en link naar vergoeding van Uitvoerend Management). De dubbele materialiteitsmethodologie, het proces en het resultaat worden beoordeeld en besproken door het Audit, Risk en Finance-comité en gevalideerd door de Raad van Bestuur. ESRS 2 GOV-1 §22a Informatie over de mandaten en verantwoordelijkheden van de Raad van Bestuur en de comités van de Raad van Bestuur, onder andere met betrekking tot impacts, risico's en kansen, is gedetailleerd beschreven in het Corporate Governance-charter dat beschikbaar is op onze website. ESRS 2 GOV-1 §22b Alle Bestuurders worden geselecteerd en voorgedragen op basis van een competentiematrix. Deze matrix zorgt ervoor dat de leden van de Raad van Bestuur over de nodige vaardigheden en ervaring beschikken om de huidige en toekomstige uitdagingen van Bekaert aan te gaan en dat de samenstelling van de Raad van Bestuur voldoende divers is. De vaardighedenmatrix identificeert ook eventuele hiaten die toekomstige Bestuurders mogelijks kunnen opvullen. Hij omvat verschillende gebieden, waaronder expertise op het gebied van duurzaamheid en cyberbeveiliging. Daarnaast is er een opleidingsprogramma voor de Bestuurders beschikbaar, met programma's over hoe duurzaamheidskwesties op bestuursniveau kunnen worden aangepakt. ESRS 2 GOV-1 §23 De Raad van Bestuur, ondersteund door de comités, beoordeelt regelmatig de ESG-strategie (onder meer het toezicht op de voortgang van de doelen). De belangrijkste onderwerpen die door de Raad van Bestuur en de Comités van de Raad van Bestuur worden beoordeeld, staan vermeld in de Corporate Governance-verklaring, respectievelijk in de subrubrieken Raad van Bestuur (pagina 52) en Comités van de Raad van Bestuur (pagina 54). Het Uitvoerend Management implementeert de strategie en volgt de implementatie ervan op (waaronder de voortgang van de doelen) als antwoord op de materiële impacts, risico's en kansen tijdens jaarlijks terugkerende cycli van strategische planning en tijdens specifieke themavergaderingen. De divisie-CEO's zijn verantwoordelijk voor de implementatie van de duurzaamheidsstrategie (waaronder de voortgang ten opzichte van de doelen) binnen hun respectievelijke bedrijfsstrategieën. ESRS 2 GOV-1 §22d 1 COSO staat voor het Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission, een gezamenlijk initiatief van vijf organisaties uit de particuliere sector dat gericht is op het leveren van ‘thought leadership’ door de ontwikkeling van raamwerken en richtlijnen voor interne controle, bedrijfsrisicobeheer en het tegen gaan van fraude.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 205 −
Informatie verstrekt aan en duurzaamheidsthema's behandeld door de Raad van Bestuur (GOV-2)
De belangrijkste onderwerpen die door de Raad van Bestuur en de Comités van de Raad van Bestuur beoordeeld worden en hoe de Raad van Bestuur hiervan op de hoogte wordt gesteld, staan vermeld in de Corporate Governance- verklaring, respectievelijk in de subrubrieken Raad van Bestuur (pagina 52) en Comités van de Raad van Bestuur (pagina 54). Duurzaamheid is een integraal onderdeel geworden van de thema's die door de Raad van Bestuur worden beoordeeld. De Raad van Bestuur houdt rekening met de impacts, risico's en kansen bij het toezicht houden op de strategie, het nemen van beslissingen over grote transacties en het beheren van risico's. De lijst met materiële impacts, risico's en kansen is opgenomen in onze Dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure (pagina 214) van dit verslag. ESRS 2 GOV-2 §26
Integratie van duurzaamheidsprestaties in incentiveprogramma's (GOV-3)
Een ESG-korf (CO2e-reductie scope 1 en 2 en veiligheidsprestaties (TRIR), beide even belangrijk) met een gewicht van 10% maakt deel uit van de langetermijn-incentives (periode 2025– 2027) voor het Senior Management en het Uitvoerend Management. Meer informatie is beschikbaar in het 'Remuneratieverslag', subrubriek 'Verklaring van het remuneratiebeleid dat in 2025 werd gebruikt voor de Raad van Bestuur en de leden van het BGE' op pagina 60 van dit verslag.
Due-diligenceverklaring (GOV-4)
Een gedetailleerde beschrijving van ons due diligence proces is beschikbaar in S1-4 op pagina 268 en in S2-2 op pagina 286 van dit verslag. ESRS 2 GOV-4 §30, 32
Risicobeheer en interne controles voor duurzaamheidsrapportage (GOV-5)
Bekaert heeft gedetailleerde processtromen gedefinieerd en geïmplementeerd om het verzamelen van ESG-gegevens te ondersteunen. Er is een adequaat risico- en controlekader op basis van het COSO 1-kader opgezet om de tweedelijns controleactiviteiten te versterken. Het kader behandelt alle potentiële risico's met betrekking tot ESG-rapportering op het gebied van algemeen aanvaarde risicodomeinen, zoals verouderde processtromen, onvolledige, onnauwkeurige en inconsistente gegevensrapportering, onnauwkeurige afstemming en rapportering, onjuist toegangsbeheer en ongeoorloofde wijziging van gegevens en belangenvermenging en/of onethisch gedrag. Controles zijn gedefinieerd vanuit het perspectief van zowel de organisatie als van de entiteit. Binnen Bekaert worden het hele jaar door interne audits uitgevoerd om zekerheid te verschaffen over de nauwkeurigheid en volledigheid van onze duurzaamheidsrapportering. Op periodieke basis worden de resultaten van deze audits voorgelegd aan het Uitvoerend Management en het Bekaert Audit, Risk en Finance-comité. ESRS 2 GOV-5 §36
Bekaert Jaarverslag 2025 − 206 −
Strategie
Strategie, businessmodel en waardeketen (SBM-1)
Bekaert is een onderneming met een wereldwijde voetafdruk, die meer dan 19 000 mensen tewerkstelt, een waaier van producten levert en diensten aanbiedt aan een breed internationaal klantenbestand in mature en groeimarkten (zie de rubriek Over ons op pagina 9 voor meer informatie alsook de rubriek Segmentrapportering in het Financieel Overzicht op pagina 110 voor een uitsplitsing van de totale omzet per divisie). ESRS 2 SMB-1 §40 a i-iv, b, c, f, g, ESRS 2 SBM-1 §42 a-c
Duurzaamheid is een kernelement van onze strategie, die onze product- en marktprioriteiten bepaalt, verbeteringen in onze activiteiten stimuleert en een veilige, eerlijke en inclusieve werkomgeving bevordert. Onze duurzaamheidsstrategie en -doelen zijn gebaseerd op 3 pijlers:
Bescherm de planeet
Gedreven door de uitdagingen van klimaatverandering, dematerialisatie, uitputting van natuurlijke hulpbronnen, circulariteit, energietransitie, groene technologieën en veranderende trends op het gebied van arbeidskrachten, willen we de voorkeurspartner voor onze klanten zijn door oplossingen te ontwikkelen die nieuwe mobiliteit, duurzaam bouwen en de transitie naar schone energie mogelijk maken. We erkennen de relevantie van koolstofneutraliteit, het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen, materiaalefficiëntie en circulariteit. We willen aan de verwachtingen van onze klanten voldoen en streven ernaar deel uit te maken van de oplossing door duurzame oplossingen aan te bieden. Door onze innovatieagenda in belangrijke sectoren te versnellen en door verantwoord gebruik te maken van materialen en energie, dragen we bij aan een koolstofarme en circulaire economie en sparen we onze natuurlijke hulpbronnen. We zien duurzaamheid als een belangrijke hefboom om onze bedrijfstransformatie te versnellen door onze portfoliomix en de eindmarkten die wij bedienen te veranderen. Samen stimuleren en versnellen we de verschuiving naar duurzame oplossingen en duurzame eindmarkten. Daarnaast streven we naar operationele uitmuntendheid door decarbonisatie, afvalvermindering en circulariteit, waterbeheer en door het creëren van een veilige omgeving voor iedereen.
Zet mensen op de eerste plaats
We zetten ons in voor het bevorderen van een veilige, eerlijke en inclusieve omgeving voor onze medewerkers en maken een positief verschil in de gemeenschappen waarin we actief zijn. We willen een kracht zijn voor gelijkheid en kansen voor iedereen. We beseffen dat onze medewerkers het doel van hun werk willen begrijpen. Daarom is onze innovatie- en duurzaamheidsstrategie erg belangrijk voor hen en waarderen ze de kans om bij te dragen aan het creëren van een betere toekomst. We streven ernaar een maatschappelijk betrokken ondernemer te zijn in de regio's waarin we actief zijn.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 207 −
Handel met integriteit
We verankeren transparantie, samenwerking en verantwoordelijkheid in onze bedrijfspraktijken. We engageren ons voor ethische, eerlijke en juridisch conforme processen en voor transparante corporate governance en uitgebreide rapportering. De wereld is complexer geworden. We begrijpen dat partnerschappen met onze klanten en leveranciers zeer relevant zijn om onze duurzaamheidsdoelen te bereiken en om toekomstig succes duurzaam en veerkrachtig te maken. Wereldwijde toeleveringsketens bieden risico's en kansen. Om de risico's te beperken, hebben we duidelijke governanceregels opgesteld en risicobeheerprocessen voor leveranciers in voege.
Samen vormen deze 3 pijlers een antwoord op onze materiële duurzaamheidsimpacts en -risico's en stellen ze ons ook in staat om de kansen te benutten. Als onderdeel van onze doorlopende strategische planningscycli beoordeelt en definieert elke divisie haar eigen impact op duurzaamheid, risico’s en opportuniteiten tijdens divisie-specifieke strategie ‘deep dive’ sessies. Op basis van de in kaart gebrachte externe krachten die de duurzaamheidsagenda aansturen, worden opvattingen over verwachte voordelen voor klanten, investeerders en andere stakeholders continu verzameld in een voortdurend veranderend landschap.We opereren in een complexere omgeving die wordt gekenmerkt door aanzienlijke verschuivingen in het wereldwijde handelsbeleid en de toenemende geopolitieke en economische onzekerheid. We zien dat de decarbonisatie in bepaalde regio's in de wereld langzamer verloopt dan verwacht, met name vanwege de snelheid van technologische vooruitgang, de transitie naar groene energie en het overheidsbeleid. Het behalen van onze doelen is afhankelijk van verschillende kritieke factoren waar we geen directe invloed op hebben, zoals de geopolitieke en economische context, technologische vooruitgang, een meer gediversifieerde en betaalbare energiemix, een grotere marktvraag naar duurzame oplossingen, veranderend gedrag van klanten en ondersteunend leiderschap van de overheid, effectief beleid en investeringen. Deze aanhoudende uitdagingen en afhankelijkheden kunnen een impact hebben op ons vermogen om sommige van onze doelen te behalen. We evalueren onze ambitie en doelen als onderdeel van onze strategische planningscycli en overwegen om deze aan te passen. Meer informatie is beschikbaar in de themarubrieken E5-3 op pagina 260, S1-5 op pagina 273 en S2-5 op pagina 289.
ESRS 2 SBM-1 §40a, e, f, g Belangen en opvattingen van stakeholders (SBM-2)
Bekaert creëert waarde voor zijn stakeholders door de ondernemingsstrategie en -doelstellingen te verwezenlijken, zowel wat betreft financiële performantie als in het beantwoorden van maatschappelijke milieu- en sociale kansen en uitdagingen. Als beursgenoteerde onderneming met een globale business scope en voetafdruk, onderhouden we relaties met de partijen die belangen hebben in onze onderneming op basis van de resultaten van onze acties. We luisteren naar de opvattingen en verwachtingen van onze belangrijkste stakeholders en willen een effectieve dialoog met hen opbouwen. We geloven dat deze wisselwerking voordelig is voor een positieve vooruitgang op lange termijn voor iedereen. Daarnaast is een representatief aantal van onze stakeholders geïnterviewd tijdens onze dubbele materialiteitsbeoordeling om vast te stellen en te bevestigen welke onderwerpen zij als het meest materieel beschouwen. Meer informatie over onze dubbele materialiteitsbeoordeling is beschikbaar in rubriek 'IRO-1 Dubbele materialiteitsbeoordelingsproces' op pagina 214.
ESRS 2 SMB-2 §45 a-av, b
We houden tijdens ons strategisch beoordelings- en planningsproces rekening met externe ESG-factoren en verwachtingen van belangrijke stakeholders. Als onderdeel van de divisie-specifieke strategie deep dive-sessies, wordt onze Raad van Bestuur Bekaert Jaarverslag 2025 − 208 − geïnformeerd over de opvattingen en belangen van stakeholders en verwachtingen op het gebied van duurzaamheid. Daarnaast werd het resultaat van de dubbele materialiteitsbeoordeling beoordeeld en besproken door het Audit, Risk en Finance-Comité en gevalideerd door de Raad van Bestuur.
ESRS 2 SMB-2 §45c, d
| Stakeholder | Soort van engagement | Doel van het engagement | Samenvatting van de inzichten | Hoe we rekening houden met de visie van stakeholders |
|---|---|---|---|---|
| Medewerkers | Enquête Town hall-vergaderingen (E-)Nieuwsbrieven Viva Engage Teamvergaderingen Ondernemingsraden | We willen de visie van Bekaert uitdragen, informatie uitwisselen en onze bedrijfscultuur versterken. We willen de standpunten van onze medewerkers begrijpen en meenemen in onze strategie. We willen hen betrekken en motiveren om de strategie uit te voeren. | Onze medewerkers waarderen Bekaert als een goede werkgever en verwachten dat Bekaert een veilige werkomgeving is waar wederzijds respect en duidelijkheid hen in staat stellen om zinvol bij te dragen aan het succes van de onderneming. | We stellen verbeteringsactieplannen op op basis van de feedback die we krijgen uit de betrokkenheidsenquête en de Town Hall- vergaderingen. We rollen de best practices uit die via Viva Engage worden gedeeld. We werken samen met sociale partners op basis van feedback die we ontvangen via de ondernemingsraad en kanalen voor sociale dialoog. |
| Klanten | Vergaderingen met klanten Tevredenheidsenquêtes Projecten voor gezamenlijke innovatie en ontwikkeling | We willen een betrouwbare partner zijn in het aanbieden van hoogwaardige producten en oplossingen die de verschuiving naar duurzaamheid in de eindmarkten stimuleren en versnellen. Met onze wereldwijde aanwezigheid maken we een klantgerichte aanpak mogelijk. | Onze klanten verwachten dat Bekaert de toonaangevende partner is die innovatieve oplossingen ontwikkelt die hen helpen om hun uitdagingen aan te gaan en hun ambities waar te maken en die waarde creëren in hun markten. | We bouwen wereldwijd betrouwbare en langdurige partnerschappen op. Door regelmatig met elkaar in gesprek te gaan, vergroten we ons inzicht in de marktbehoeften van onze klanten. We co-creëren om technologieën en oplossingen te ontwikkelen, implementeren en verbeteren voor een betere wereld. |
| Investeerders en analisten | Website Persberichten en financiële verslagen Fysieke en virtuele vergaderingen en evenementen (onder meer Capital Markets Day en gesprekken met analisten) ESG-ratings Jaarlijkse Algemene Vergadering | We hanteren een proactieve aanpak bij de communicatie van de prestaties, strategie en vooruitzichten van Bekaert naar bestaande en potentiële investeerders en analisten. Ons doel is om nauwkeurige, tijdige en transparante informatie te verstrekken, zodat stakeholders zich een duidelijk en geïnformeerd beeld kunnen vormen van de waarde van het bedrijf. | Investeerders en analisten benadrukken het belang van transparantie en tijdige communicatie over kritieke ontwikkelingen. Investeerders verwachten dat Bekaert zijn financiële en duurzaamheidsdoelstellingen haalt en tegelijkertijd zijn concurrentievermogen op lange termijn vrijwaart. | Wij houden actief rekening met feedback van stakeholders bij het vormgeven van onze communicatie- en betrokkenheidsinitiatieven. We gaan in op vragen en bezorgdheden om het begrip te verbeteren en een geïnformeerde dialoog te stimuleren, wat bijdraagt aan de voortdurende verbetering van onze strategie en rapporteringspraktijken. |
| Partners | Interpersoonlijke bijeenkomsten, netwerkevenementen en technologische samenwerking. | We willen partnerschappen en samenwerkingen opbouwen en benutten om tegemoet te komen aan de behoeften van bedrijven en ecosystemen op het gebied van technologie en innovatie. | Onze partners verwachten dat Bekaert een betrouwbare en verantwoordelijke zakenpartner is, met mogelijkheden voor sterke samenwerking en gezamenlijke ontwikkeling die wederzijdse groei bevorderen. | We zetten businesspartnerschappen en consortia op, we investeren in bedrijven die veelbelovende nieuwe technologieën opschalen en we werken samen met onderzoeks- en academische instellingen. |
| Leveranciers | Gezamenlijke ontwikkeling, opleidingen voor leveranciers, beleidsregels die onze eisen en verwachtingen verduidelijken om een duurzame toeleveringsketen te bouwen. | We willen een verantwoorde toeleveringsketen bouwen door langdurige partnerschappen aan te gaan met belangrijke leveranciers die onze toewijding delen. | Leveranciers verwachten dat Bekaert een betrouwbare en verantwoordelijke zakenpartner op lange termijn is die hen ondersteunt in hun duurzaamheidstraject en bij het succesvol uitvoeren van hun activiteiten. | We voeren met de leveranciers regelmatig gesprekken over prestaties en – als onderdeel van ons due-diligenceprogramma – helpen we waar nodig bij het opstellen van verbeterplannen. We werken actief samen aan duurzaamheidsprojecten doorheen de waardeketen. |
| Lokale Gemeenschappen | Vrijwilligerswerk en projecten in lokale gemeenschappen, educatieve ondersteuningsprojecten in lokale scholen, hulpprogramma's bij rampen, lokale werkgelegenheid en belastingen. | We streven ernaar een maatschappelijk betrokken ondernemer te zijn binnen iedere gemeenschap waarin we actief zijn. We engageren ons om de milieu-impact van onze activiteiten te minimaliseren. We stimuleren economische activiteit en tewerkstelling in de locaties waar we actief zijn. | Lokale gemeenschappen verwachten van Bekaert dat het een partner is die een positieve bijdrage levert aan zowel de economische als sociale ontwikkeling in hun gemeenschap, met respect voor de rechten van hun inwoners en het milieu. | Door de dialoog aan te gaan met de lokale stakeholders, richten we onze initiatieven voor maatschappelijke betrokkenheid op het creëren van een betekenisvolle impact in de gebieden waar we actief zijn. |
- Inclusief medewerkers in de waardeketen
Materiële impacts, risico’s en kansen en hun wisselwerking met strategie en businessmodel (SBM-3)
Onze duurzaamheidsrapportering is gebaseerd op de beoordeling van duurzaamheidsthema's die het meest materieel zijn voor onze stakeholders en voor Bekaert. Materiële thema's zijn geïdentificeerd volgens de dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure, waarbij rekening is gehouden met twee perspectieven:
* Impactmaterialiteit of perspectief van binnen naar buiten: (positieve of negatieve) impact van Bekaert en zijn waardeketen op het milieu en de maatschappij.
* Financiële materialiteit of perspectief van buiten naar binnen: potentiële financiële effecten (risico's en/of kansen) van een duurzaamheidsthema voor de financiële positie en prestaties van Bekaert.
Het dubbele materialiteitsbeoordelingsproces resulteerde in 7 materiële duurzaamheidsthema's (aangegeven in het oranje), hetzij door het impactmaterialiteitsperspectief of het financiële materialiteitsperspectief, of beide. Deze beoordeling betekent niet dat we niet-materiële thema's als irrelevant beschouwen. We hebben de resultaten van onze beoordeling gegroepeerd per ESRS-thema, om aan te tonen welke thema's het meest relevant zijn voor Bekaert. Ze houden allemaal verband met en worden behandeld in onze strategie van 'de planeet beschermen, mensen op de eerste plaats zetten en handelen met integriteit'.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 209 −De IRO-overzichtstabel vanaf pagina 210 geeft een korte beschrijving van onze materiële impacts, risico's en kansen (IRO's), de link met ons businessmodel en onze strategie en de huidige effecten, reacties en veerkracht om materiële onderwerpen aan te pakken of op te vangen. De IRO-overzichtstabel geeft weer of de impacts, risico's en kansen betrekking hebben op onze eigen activiteiten (O), of op onze upstream (U) of downstream (D) waardeketens. Daarnaast hebben we de tijdshorizon en de werkelijke of potentiële impacts aangegeven (vermeld met A of P) in overeenstemming met de ESRS- standaarden. Bekaert heeft een impact op mens en milieu via zijn activiteiten en acties in de waardeketen. Sommige impacts vloeien voort uit de business waarin we actief zijn en de activiteiten die we uitvoeren (opgenomen als inherent (I) in de tabel), terwijl andere impacts verband houden met en worden aangepakt via onze strategische plannen die we opstellen (opgenomen als geïntegreerd (G) in de IRO-overzichtstabel) Bekaert Jaarverslag 2025 − 210 −
| Type | Beschrijving, effect, reactie en veerkracht |
|---|---|
| Mitigatie van klimaatverandering | |
| Negatieve impact | Koolstofintensiteit van onze activiteiten en toeleveringsketen Onze productieprocessen zijn energie-intensief en we stoten CO2e uit, voornamelijk indirect door ons gebruik van aangekochte elektriciteit, maar ook direct door het gebruik van gas. Onze walsdraadleveranciers (de belangrijkste grondstof van Bekaert) hebben een hoge koolstofvoetafdruk. We werken er voortdurend aan om onze eigen activiteiten energiezuiniger te maken, terwijl we tegelijkertijd werken aan een langetermijnstrategie voor elektrificatie. We kopen hernieuwbare energiebronnen in en installeren energieopwekking op onze eigen productiesites (zon en wind) waar dat beschikbaar en technisch/economisch haalbaar is. We pakken de uitstoot van onze leveranciers aan door over te stappen van de inkoop van staal van een productieproces met hoge koolstofuitstoot naar meer staal van een productieproces met lage koolstofuitstoot, waar dit economisch haalbaar is en tegemoet komt aan de eisen van de klant. Door een evenwicht te vinden tussen de kosten en energie die nodig zijn voor onze eigen activiteiten en de grondstoffen voor de toeleveringsketen, zorgen we ervoor dat we financieel weerbaar zijn en tegelijkertijd een verantwoordelijk bedrijf zijn. |
| Positieve impact | Duurzame oplossingen bieden voor de markten die essentieel zijn voor de transitie naar een wereld met een net zero uitstoot Door de verscheidenheid aan producten en oplossingen die we onze klanten bieden, dragen we bij aan het koolstofvrij maken van de wereld en het terugdringen van de opwarming van de aarde. We streven ernaar om tegen 2030 65% van onze inkomsten te genereren uit duurzame oplossingen, maar we kunnen dit niet alleen. Om dit doel te bereiken, is een duidelijke aantrekking van de markt nodig inclusief de bereidheid om hiervoor te betalen. Daarnaast moeten ook de politieke en economische randvoorwaarden in de landen waar we actief zijn, gunstig zijn. |
| Risico | Financiële impact als gevolg van de decarbonisatie van onze activiteiten en toeleveringsketen en van de geldende regelgeving De staalindustrie is een moeilijk te vergroenen sector en deze vergroening zal aanzienlijke inspanningen en investeringen vergen. We zijn sterk afhankelijk van de ontwikkelingen in de staalsector, het geopolitieke landschap, het tempo van de decarbonisatie van het elektriciteitsnet en of staal van koolstofarme productieprocessen al dan niet beschikbaar is in de hoeveelheden, kwaliteiten en competitieve prijzen die de waardeketen nodig heeft. Bovendien moet dit alles ondersteund worden door adequate beleidsvorming en internationale, eerlijke handels- en koolstofprogramma's om een gelijk speelveld te creëren. |
| Opportuniteit | Transformatie van portfolio met schone technologieoplossingen We zien een opportuniteit om onze portfoliomix en ons productaanbod verder te transformeren en te ontwikkelen met schone oplossingen die decarbonisatie mogelijk maken en de opwarming van de aarde tegengaan. Om deze kans te kunnen benutten, hebben we echter een duidelijke aantrekking van de markt nodig en de bereidheid om hiervoor te betalen, evenals gunstige politieke en economische randvoorwaarden in de landen waar we actief zijn. |
| Gevaarlijke stoffen en materialen | |
| Negatieve impact | Zorg voor mens en milieu door goed beheer van chemicaliën Inherent aan de aard van onze activiteiten, gebruikt Bekaert gevaarlijke stoffen en chemicaliën in zijn productieprocessen. Bekaert gebruikt gevaarlijke stoffen en materialen op een gecontroleerde manier in zijn productieproces om de impact op mens en milieu te minimaliseren. |
| Risico | Wetgeving met impact op het gebruik van stoffen en chemicaliën in onze productieprocessen Het gebruik van bepaalde stoffen en chemicaliën die momenteel in onze productieprocessen worden gebruikt, kan in de toekomst worden beperkt. We volgen de ontwikkelingen in de regelgeving op en bereiden ons voor op mogelijke wijzigingen door onze voortdurende focus op technologie en onze inspanningen om te blijven innoveren. |
| Water | |
| Negatieve impact | Waterbeheer met verhoogde aandacht voor gebieden met waterstress We gebruiken water direct in onze productieprocessen en ook indirect voor verdampingskoeling. We focussen op waterbesparende projecten, met name in maar niet uitsluitend in gebieden met waterstress. |
| Risico | Impact van wijzigingen in regelgeving en klimaatverandering Toegang tot water kan in de toekomst worden beïnvloed door klimaatverandering in gebieden met waterstress. Daarnaast kunnen mogelijke toekomstige wijzigingen in de regelgeving voor watergebruik uiteindelijk ook een impact hebben. Eerst en vooral onderneemt Bekaert acties om het gebruik van zoetwater te minimaliseren. Relevante ontwikkelingen in regelgeving worden ook opgevolgd. |
| Circulaire economie en materiaalgebruik | |
| Negatieve impact | Verantwoord beheer van hulpbronnen De uitputting van natuurlijke hulpbronnen heeft een negatieve impact op de planeet. We streven ernaar om de inkoop van nieuwe grondstoffen te verminderen met als duidelijk doel de hoeveelheid gerecycleerde grondstoffen die we inkopen te verhogen wanneer er vraag is van de klant. In onze inkoopstrategie maken we een afweging tussen de beschikbaarheid van gerecycleerde grondstoffen, prestaties en kosten. Daarnaast werken we aan het verminderen van afval door de principes van de circulaire economie te integreren in onze productieprocessen en producten. |
| Positieve impact | Circulariteit Ons doel is om afval te minimaliseren, recyclage en hergebruik te bevorderen, efficiënt materiaalgebruik te verbeteren en de afhankelijkheid van nieuwe materialen te verminderen door middel van innovatief circulair ontwerp, gezamenlijke ontwikkelingen en partnerschappen. Circulaire ontwerpprincipes maken deel uit van onze innovatiestrategie. |
| Risico | Risico in de toeleveringsketen met betrekking tot gerecycleerde grondstoffen en technologische verschuiving We zien de beschikbaarheid van voldoende gerecycleerde grondstoffen als een potentieel risico in de toeleveringsketen. Extern aangedreven veranderingen in de vraag van klanten of de vereiste snelheid van technologische veranderingen kunnen onze concurrentiepositie verzwakken. Impactvolle technologische veranderingen kunnen sectoren treffen die relevant zijn voor Bekaert. We streven ernaar onze marktpositie en ons marktaandeel te beschermen door innovatie, gezamenlijke ontwikkeling en partnerschappen. |
| Opportuniteit | Co-ontwikkeling van duurzame oplossingen doorheen de waardeketen We streven ernaar onze marktpositie en ons marktaandeel te versterken door innovatie, co- ontwikkeling en partnerschappen en duurzame en circulaire oplossingen. |
| Eigen personeel | |
| Positieve impact | Zet mensen op de eerste plaats We verbeteren het welzijn en de arbeidsomstandigheden van medewerkers door te focussen op niemand schade berokkenen, medische plannen, hulpprogramma's en automatiseringsoplossingen. |
| Negatieve impact | Een werkomgeving creëren die niemand schade berokkent en die divers is Door de aard van de businessomgeving waarin we actief zijn, moeten we gezondheids- en veiligheidsrisico's aanpakken en focussen op de diversiteit van ons eigen personeel. We blijven deze topics aanpakken via verschillende programma's en initiatieven. |
| Risico | Veilige werkomstandigheden creëren en talent stimuleren Het creëren van veilige werkomstandigheden en het aantrekken en ontwikkelen van talent zijn belangrijke vereisten voor de duurzaamheid van ons bedrijf. We investeren in programma's rond het naleven van veiligheidsvoorschriften en trekken talent aan om onze business te helpen groeien. |
| Opportuniteit | Talent, diversiteit en innovatie stimuleren de groei van mensen en bedrijf Innovatie stimuleren door talentontwikkeling, training en culturele diversiteit leidt tot rijkere ideeën, betere besluitvorming en hogere productiviteit. Deze strategie vergroot onze kans om het talent aan te trekken en te behouden dat we nodig hebben om in de toekomst succesvol te zijn. |
| Werknemers in de waardeketen | |
| Negatieve impact | - |
| Positieve impact | Respect voor mensenrechten doorheen de waardeketen Onze upstream toeleveringsketen, voornamelijk voor onze belangrijkste grondstof, kan een harde werkomgeving zijn vanwege het type activiteit (metalen), met sectorspecifieke gezondheids- en veiligheidsrisico's. We promoten respect voor gezondheid, veiligheid en mensenrechten in de hele waardeketen en via de OESO-richtlijnen door de naleving van onze gedragscode voor leveranciers af te dwingen en door onze due diligence-programma's. |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 212 −# Bekaert Jaarverslag 2025 − 213 −
Type Beschrijving, effect, reactie en veerkracht
Zakelijke ethiek
Positieve impact - Risico
Ethische bedrijfspraktijken verankeren in alles wat we doen
We stimuleren sterke ethische bedrijfspraktijken en ESG maakt deel uit van ons raamwerk voor leveranciersbeheer. Integriteit en vertrouwen zijn kernwaarden van onze bedrijfscultuur en essentieel voor onze ambitie om de toonaangevende partner voor onze klanten te zijn. Huidige financiële effecten van duurzame oplossingen en aan duurzame activiteiten gerelateerde risico's en kansen zijn opgenomen in de rubriek EU-Taxonomie Omzet, Capex en Opex en in ons financieel overzicht. Op dit moment zijn er geen materiële risico's en kansen bekend die in de volgende rapporteringsperiode een materiële aanpassing zouden vereisen. Alle materiële impacts, risico's en kansen vallen onder de ESRS-rapporteringsvereisten. Er is geen aanvullende entiteitspecifieke rapportering. Meer gedetailleerde informatie over hoe we deze impacts, risico's en kansen aanpakken, is beschikbaar in de themarubrieken onder ‘Milieu-informatie’, ‘Sociale informatie’, en ‘Governance’.
Om de veerkracht en aanpasbaarheid van onze strategische plannen en businessmodellen met betrekking tot materiële thema's te garanderen, integreren we de volgende stappen in ons strategisch plannings- en beoordelingsproces waarbij we kijken naar de impact op de middellange termijn (tot 2030):
* We hebben divisie- specifieke materiële risico's en kansen in kaart gebracht: door gebruik te maken van het resultaat van de divisie-specifieke ‘deep dive’ sessies, het Enterprise Risk Management Framework (ERM), dubbele materialiteitsbeoordeling en studies rond fysische klimaatrisico's hebben we de belangrijkste risico's en kansen geïdentificeerd en geprioriteerd.
* We monitoren voortdurend de ontwikkeling van de externe krachten die relevant zijn voor onze business en de marktdynamiek: we volgen trends op en evalueren ze, we volgen wijzigingen in regelgeving en vereisten op die onze strategie zouden kunnen beïnvloeden, waaronder inzichten van regelgevende instanties, klanten, leveranciers, concurrenten, medewerkers en investeerders.
* We beoordelen de impact van strategische plannen op duurzaamheidsdoelen: we berekenen en voorspellen de effecten van onze strategische initiatieven op onze duurzaamheidsdoelstellingen.
ESRS SBM-3 §48 a-d, f-h
2 ESRS toepassingsvereiste (Application Requirement)
Bekaert Jaarverslag 2025 − 214 −
Beheer van impacts, risico's en kansen
Dubbele materiaiteitsbeoordelilngs- procedure (IRO-1)
Onze methodologie en proces
In 2023 voerde Bekaert zijn eerste dubbele materialiteitsbeoordeling uit in lijn met de CSRD- richtlijnen, ESRS-standaarden en richtlijnen van de European Financial Reporting Advisory Group (EFRAF). In 2025 hebben we onze dubbele materialiteitsbeoordeling geactualiseerd om veranderingen in de interne en externe context weer te geven, hebben we extra stakeholders geraadpleegd, hebben we updates op het gebied van regelgeving en ERM verwerkt en berekeningen verfijnd. Voor de update van 2025 werd een aanpak in vier fasen gehanteerd:
Fase 1 – Contextveranderingen analyseren
We hebben interne en externe veranderingen beoordeeld die een impact hebben op de dubbele materialiteitsbeoordeling. We hielden rekening met veranderingen in de businesscontext, strategische plannen van de groep, inzichten in de divisie-gerichte duurzaamheidsstrategie, marktdynamiek en geopolitieke en beleidsverschuivingen om de belangrijkste contextveranderingen in kaart te brengen. Er zijn interne en externe bronnen beoordeeld, onder meer beleidsregels, strategiedocumenten, sectorverslagen en rapporten van peers, klant- en leveranciersgegevens, ERM-uitkomsten, inzichten van analisten en investeerders en belangrijke bevindingen uit due-diligenceonderzoeken naar leveranciersrisico's. Tijdens de dubbele materialiteitsbeoordeling hebben we onze hele waardeketen bekeken, met focus op verschillen in divisies en regio’s (meer informatie is beschikbaar in rubriek Strategie SBM-1 op pagina 206 en SBM-2 op pagina 207).
Fase 2 – Betrokkenheid van stakeholders
We hebben meerdere interviews afgenomen die onze verschillende regio's en divisies omvatten om mogelijke veranderingen in onze materiële duurzaamheidsthema's en de bijbehorende impacts, risico's en kansen (IRO's) te identificeren. We hebben interviews gehouden met betrokken stakeholders of stakeholders die informatie konden geven over hun belangen. We hebben interne stakeholders geraadpleegd die business- en/of onderwerpspecifieke expertise hebben en een grondig begrip van contextveranderingen op de duurzaamheidsagenda en strategie. We hebben 10 bijkomende externe stakeholders geïnterviewd, waaronder klanten, leveranciers en de referentieaandeelhouder van Bekaert.
Bekaert analyseerde de materialiteit van alle duurzaamheidsthema's die onder de ESRS2 vallen. Om de IRO-identificatie te vereenvoudigen, werden verschillende ESRS (sub)topics samengenomen in een op maat gemaakte lijst van duurzaamheidsthema's die relevant zijn voor Bekaerts bedrijfsactiviteiten en stakeholders. Het overzicht van de duurzaamheidsthema's die in de dubbele materialiteitsanalyse zijn opgenomen, wordt hieronder voorgesteld.
| Categorie | Nr. | Thema |
|---|---|---|
| Milieu | 1 | Klimaatadaptatie |
| 2 | Mitigatie van klimaatverandering | |
| 3 | Verontreiniging | |
| 4 | Gevaarlijke stoffen en materialen | |
| 5 | Water | |
| 6 | Biodiversiteit | |
| 7 | Circulaire economie | |
| Sociaal | 8 | Eigen medewerkers |
| 9 | Medewerkers in de waardeketen en mensenrechten | |
| 10 | Lokale gemeenschappen | |
| 11 | Cyber- en databeveiliging | |
| 12 | Productbeheer | |
| Governance | 13 | Zakelijke ethiek |
Fase 3 – Verfijnen en bijwerken van beoordelingen
We hebben de lijst met IRO's herzien en de beoordelingen bijgewerkt om het materialiteitsniveau van IRO's en
Bekaert Jaarverslag 2025 − 215 −
duurzaamheidsthema's te definiëren. We hebben de volgende criteria toegepast:
* Impactmaterialiteit: ernst (schaal, toepassingsgebied en herstelbaarheid) en waarschijnlijkheid
* Financiële materialiteit: omvang van het financiële effect en waarschijnlijkheid
De beschrijving van de materialiteitscriteria wordt op maat van Bekaerts bedrijfsactiviteiten gemaakt. De omvang van het financiële effect en de waarschijnlijkheid, alsook de prioritering, worden afgestemd op Bekaerts ERM-methodologie.
Evaluatiecriteria voor impactmaterialiteit
Verschillende criteria worden gebruikt om de schaalomvang (van minimaal tot absoluut), het toepassingsgebied (van beperkt tot globaal), de herstelbaarheid (gemakkelijk herstelbaar op korte termijn tot niet herstelbaar) en de waarschijnlijkheid (van heel laag tot heel hoog, in lijn met ERM) in klassen in te delen.
Evaluatiecriteria voor financiële materialiteit
De criteria voor financiële materialiteitsanalyse worden gebaseerd op Bekaerts ERM- methodologie om gealigneerd te zijn met de bestaande businessprocessen over risicobeheer. Verschillende ERM-risico's en -kansen zijn gelinkt aan duurzaamheidsthema's en werden in aanmerking genomen in deze dubbele materialiteitsbeoordeling. We hebben ook de onderlinge relatie tussen impacts en risico's & kansen in kaart gebracht en gekeken naar de afhankelijkheid van natuurlijke, menselijke en sociale hulpbronnen als bron van risico's en kansen.
Toegepaste scorebereiken en drempels
* Impactmaterialiteit: scores van 0 tot 15 (<5: minimale impact, ≥5 tot <8: informatief, ≥8 tot <10: belangrijk, ≥10 tot <12: aanzienlijk, ≥12: kritiek). Thema's die 8 of hoger scoorden werden als materieel beschouwd.
* Financiële materialiteit; scores van 0 tot 5 (<1: onbestaand, ≥1 tot <2: minimaal, ≥2 tot <3: informatief, ≥3 tot <4: aanzienlijk en ≥4: kritiek). Thema's die 3 of hoger scoorden werden als materieel beschouwd.
Het volledige updateproces, inclusief beoordeling en resultaat, werd door een externe consultant beoordeeld.
Fase 4 – Uitkomst valideren
We hebben de uitkomst van de dubbele materialiteitsbeoordeling besproken en gevalideerd met het Uitvoerend Management, en met de Raad van Bestuur via het Audit, Risk en Finance-comité.
ESRS SBM-3 §53 a-c, ESRS IRO-2 §59
Geïntegreerd in bedrijfsprocessen
De dubbele materialiteitsprocedure voor het identificeren, beoordelen en beheren van impacts, risico's en kansen is afgestemd op de update van Enterprise Risk Management, wat leidt tot consistentie en waardoor de geïdentificeerde impacts, risico's en kansen periodiek kunnen worden herzien en gemonitord. De inzichten uit de dubbele materialiteitsbeoordeling blijven de duurzaamheidsagenda van Bekaert bepalen en voeden de strategische planning op korte en middellange termijn. We hebben de uitkomst opgenomen als kernelement in de divisie- specifieke strategie deep-dive sessies, de planningscyclus voor 2026 en voor 2030 om verdere integratie in bedrijfsprioriteiten, afstemming op bedrijfsdoelen en verwachtingen van stakeholders te waarborgen. Het monitoren van actuele en potentiële impacts op mens en milieu gebeurt door het beoordelen van de bevindingen van due-diligenceprocessen (zoals due diligence op leveranciersrisico's en bevindingen op het gebied van mensenrechten), divisie-specifieke impactbeoordelingen (op basis van ERM- en dubbele materialiteitsbeoordelings- sessies) met een focus op business-specifieke en geografische verschillen die aanleiding kunnen geven tot een verhoogd risico op negatieve impacts. De dubbele materialiteitsbeoordeling is een dynamische oefening omdat de bedrijfscontext voortdurend verandert. We zullen onze dubbele materialiteitsbeoordeling herzien en bijwerken als zich belangrijke veranderingen voordoen.
ESRS SBM-3 §53 d-h
Rapportage-eisen in ESRS opgenomen in onze duurzaamheidsinformatie (IRO-2)
De tabel met rapportagevereisten waarover Bekaert rapporteert, is opgenomen in de rubriek 'Content Index' on page 305.
ESRS IRO-2 §56
1 Verordening EU 2020/852 van het Europees Parlement en de Raad, bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie op 22 juni 2020.2 De Gedelegeerde wet inzake klimaat (Gedelegeerde verordening (EU) 4 van de Commissie van 2021 juni 2021/2139) en de Gedelegeerde wet inzake openbaarmaking (Gedelegeerde verordening (EU) 2021/2178 van de Commissie van 6 juli 2021 en de Gedelegeerde verordening (EU) C(2025) 4586 van de Commissie van 4 juli 2025 3 De Gedelegeerde verordening van de Commissie (EU) 2023/2486 van 21 november 2023 met betrekking tot vier milieudoelstellingen: "Duurzaam gebruik en bescherming van water en mariene hulpbronnen", "transitie naar een circulaire economie", "preventie en bestrijding van verontreiniging" en "bescherming en herstel van biodiversiteit en ecosystemen". Bekaert Jaarverslag 2025 − 216 − Milieu-informatie EU-Taxonomie Dit hoofdstuk behandelt de belangrijkste prestatie-indicatoren en de bijbehorende informatie die vereist zijn volgens de EU- Taxonomie (Verordening EU 2020/852 1 en de bijbehorende gedelegeerde Verordeningen 2, met inbegrip van de nieuwe gedelegeerde verordening van 4 juli 2025 betreffende de geactualiseerde rapporteringstabellen en de GEAD-criteria inzake verontreiniging, zonder de materialiteitsdrempel toe te passen). De EU-Taxonomie wil kapitaal kanaliseren naar duurzame activiteiten, met als einddoel de financiering van duurzame groei en het bereiken van de EU-doelstelling om tegen 2050 klimaatneutraal te worden. Rapporteren over onze bijdrage aan het milieu via de EU-Taxonomie is in lijn met de ambitie van Bekaert om duurzame waarde te creëren voor alle stakeholders. In lijn met de vereisten voor EU- Taxonomierapportering rapporteerden we over geschiktheid in 2021 van de eerste twee EU- Taxonomiedoelstellingen, Mitigatie van Klimaatverandering en Adaptatie aan Klimaatverandering. In 2022 hebben we onze rapportering uitgebreid met alignering over deze twee milieudoelstellingen. Met de publicatie van de gedelegeerde verordening met betrekking tot de resterende vier milieudoelstellingen 3, worden vanaf 2023 alle zes milieudoelstellingen van de EU-Taxonomie meegenomen, evenals de verdere wijzigingen en aanbevelingen van de Europese Commissie. Bepaalde aspecten van de EU- Taxonomieverordening zijn complex en voor interpretatie vatbaar. Bekaert heeft de rapportering over de EU-Taxonomie voor het boekjaar 2025 voorbereid op een 'best effort' basis, waarbij de naleving van de Taxonomiecriteria werd beoordeeld aan de hand van de laatst beschikbare richtlijnen en waarbij – waar nodig – veronderstellingen of schattingen werden gemaakt. De aanpak van Bekaert bij het bepalen van de geschiktheid en de alignering met de EU-Taxonomieverordening wordt verder toegelicht in de onderstaande rubrieken. Bekaert Jaarverslag 2025 − 217 − Hieronder rapporteren we onze EU- Taxonomiegeschiktheid en -afstemming voor 2025, uitgedrukt in drie prestatie-indicatoren: ons aandeel van in aanmerking komende/ afgestemde, in aanmerking komende/niet- afgestemde en niet in aanmerking komende activiteiten in de geconsolideerde omzet van Bekaert van 2025, kapitaalsinvesteringen en 'toepasselijke' operationele uitgaven. Opmerking: geconsolideerde omzet is de terminologie die gebruikt wordt in de geconsolideerde winst- en verliesrekening van Bekaert. Het heeft dezelfde definitie als 'netto- omzet' zoals gebruikt in de EU-Taxonomie. Wij verwijzen naar toelichting 2.4 in het Financieel Overzicht op pagina 105 van dit verslag voor meer gedetailleerde informatie over onze principes van opname van opbrengsten.
EU-Taxonomie geschiktheidsbeoordelings- proces
Een 'in aanmerking komende economische activiteit' is een activiteit die in de EU-Taxonomie wordt beschreven, ongeacht of deze voldoet aan alle technische criteria die voor die activiteit zijn vastgesteld. Om te evalueren of we in aanmerking komen voor EU-Taxonomie, hebben we alle producten die door NV Bekaert SA en zijn dochterondernemingen worden vervaardigd, de toepasselijke uitgaven en de gedane investeringen in kaart gebracht en ze afgestemd op de economische activiteiten die in de EU- Taxonomie worden beschreven. Om deze oefening te vergemakkelijken hebben wij de geschiktheid van onze producten en uitgaven eerst in kaart gebracht aan de hand van de beschrijvingen in die gedelegeerde wet, en de NACE-codes (herziening 2) en andere referentieclassificaties van het platform voor duurzame financiering gebruikt als verdere leidraad. We hebben met elk van onze vier divisies samengewerkt om de inventarisatie uit te voeren. Bij het berekenen van de kernprestatie- indicatoren hebben we enkel deze producten in overweging genomen die specifiek gemaakt zijn voor in aanmerking komende activiteiten. Wij hebben rekening gehouden met elk van de elementen in de beschrijving van de activiteiten in de gedelegeerde verordeningen, en bij twijfel hebben wij verwezen naar de technische screeningscriteria en het TEG-eindverslag (TEG: Technical Expert Group) – Technische Bijlage voor verdere informatie over welke door Bekaert vervaardigde producten al dan niet als geschikt kunnen worden beoordeeld. Zoals vermeld zijn bepaalde aspecten van de EU- Taxonomieverordening complex en voor interpretatie vatbaar. Daarom hebben wij de geschiktheid van onze producten bepaald op Bekaert Jaarverslag 2025 − 218 − basis van de meest recente beschikbare richtsnoeren en rekening houdend met de filosofie van de EU-Taxonomie die kapitaal heroriënteert naar duurzame activiteiten die nodig zijn voor een net zero toekomst, waarbij belangrijke leveranciers van componenten zoals Bekaert een belangrijke rol in spelen. De geschiktheidsanalyse stelde vast dat Bekaerts huidige activiteiten bijdragen aan het doel mitigatie van de klimaatverandering van de EU- Taxonomie voor wat betreft onderstaande activiteiten.
- 3.1 Fabricage van technologieën voor hernieuwbare energie
- 3.2 Fabricage van apparatuur voor de productie en het gebruik van waterstof
- 3.5 Fabricage van energie-efficiënte apparatuur voor gebouwen
- 3.6 Fabricage van andere koolstofarme technologieën
- 3.20 Fabricage, installatie en onderhoud van hoog-, midden- en laagspanningsapparatuur voor elektriciteitstransmissie en -distributie die een wezenlijke bijdrage leveren of kunnen leveren aan de mitigatie van de klimaatverandering
- 9.1 Dicht bij de markt aansluitend(e) onderzoek, ontwikkeling en innovatie
Naarmate de EU-Taxonomie evolueert, zullen we ons blijven inzetten om op de hoogte te blijven van de toekomstige ontwikkelingen, zodat we nieuwe mogelijkheden kunnen onderzoeken om ook verder aan de andere milieudoelstellingen bij te dragen.
EU-Taxonomie afstemmingsbeoordelings- proces
Bekaert engageert zich om een duurzamere wereld te creëren door middel van onze duurzame oplossingen. Meer informatie over onze initiatieven en duurzame producten en oplossingen is beschikbaar in rubriek E5-2 op pagina 257. Voor afstemming op de EU-Taxonomie moet rekening worden gehouden met de volgende factoren:
- Substantiële bijdrage (SB)
- Geen ernstige afbreuk doen (GEAD)
- Minimale sociale waarborgen (MSW)
A. Substantiële bijdrage en reikwijdte
Bekaerts duurzaamheidsstrategie en door SBTi goedgekeurde doelen reflecteren een holistische aanpak die voldoet aan de EU-Taxonomie afstemmingscriteria (meer informatie is beschikbaar in rubriek SBM-1 van dit verslag). Gezien de complexiteit van de EU- Taxonomieverordening vereisen sommige criteria extra verduidelijking en interpretatie. In de volgende paragraaf belichten we een aantal belangrijke overwegingen in Bekaerts beoordeling van de EU-Taxonomie:
- Substantiële bijdrage aan activiteit 3.1. Fabricage van technologieën voor hernieuwbare energie: Bekaert produceert sleutelcomponenten voor de productie van hernieuwbare energietechnologieën. De criteria voor een wezenlijke bijdrage aan deze activiteit stemmen overeen met de beschrijving van de activiteit. Als een product in het kader van activiteit 3.1 in aanmerking komt voor taxonomie, hebben wij dus vastgesteld dat aan het criterium substantiële bijdrage is voldaan.
- Substantiële bijdrage aan activiteit 3.2. Fabricage van apparatuur voor de productie en het gebruik van waterstof: Bekaert produceert onderdelen die de productie van groene waterstof mogelijk maken. Gezien de complexiteit van de criteria waaraan moet worden voldaan onder de huidige regelgeving en ook op basis van de lage output van groene waterstofproductie in de wereld vandaag, is Bekaert van plan om de afstemming van zijn waterstofproducten in de komende jaren te bevestigen. Bekaert loopt al meer dan 20 jaar voorop in de ontwikkeling van innovatieve oplossingen voor groene waterstofproductie en daarom is het waarschijnlijk dat de huidige beoordeling een onderschatting is van onze groene activiteiten.
- Substantiële bijdrage aan activiteit 3.5. Fabricage van energie-efficiënte apparatuur voor gebouwen: Bekaert is één van 's werelds toonaangevende leveranciers van innovatieve branders en warmtewisselaars voor gasketels. Voor zover wij weten, kunnen de gasbranders niet voldoen aan de criteria van de EU- Taxonomie. De rating kan alleen worden verbeterd door de combinatie met andere milieuvriendelijke technologieën, zoals hybride boilers of voor waterstof geschikte boilers. Een bepaald deel van onze oplossingen wordt al geïmplementeerd in hybride boilers, maar we missen traceerbaarheid omdat we ons ver van het eindproduct in de waardeketen bevinden. Gezien de complexiteit van de criteria waaraan moet worden voldaan, claimen we geen afstemming voor deze activiteit in 2025, wat kan worden beschouwd als een onderschatting van onze groene activiteiten. We hebben echter verschillende initiatieven lopen om de traceerbaarheid van hybride boilers te verbeteren, evenals het benutten van onze bestaande technologie en knowhow in ontwikkelingen die voldoen aan de criteria voor Bekaert Jaarverslag 2025 − 219 − een substantiële bijdrage van de EU- Taxonomie.• Substantiële bijdrage aan 3.20 Fabricage, installatie en onderhoud van hoog-, midden- en laagspanningsapparatuur voor elektrische transmissie en distributie die resulteren in of bijdragen aan een substantiële bijdrage aan klimaatmitigatie: Bekaert produceert belangrijke componenten voor offshore en bovengrondse stroomkabels die essentieel zijn voor de transmissie en distributie van hernieuwbare energie en elektrificatie. Onze producten vergemakkelijken de efficiënte aansluiting van offshore windmolens en eilanden op het vasteland en ondersteunen de herconfiguratie en versterking van het elektriciteitsnet. Dit maakt de transmissie van hernieuwbare energie mogelijk en verbetert de algehele energie-efficiëntie in zowel bestaande als nieuwe elektriciteitsleidingen.
• Substantiële bijdrage aan activiteit 3.6. Fabricage van andere koolstofarme technologieën:
– Substantiële broeikasgasemissiereducties gedurende de levenscyclus: voor elk product dat onder deze activiteit valt, voerde Bekaert een door derden geverifieerde levenscyclusanalyse (LCA) uit voor wat alignering betreft. Dit is in overeenstemming met ons streven om over de ecologische duurzaamheid van onze producten op een geloofwaardige en transparante manier te communiceren. Wij beschouwen de broeikasgasemissiereducties gedurende de levenscyclus als substantieel wanneer de totale levenscyclusemissies van het Bekaert- product lager zijn dan die van het best presterende alternatief.
– Best presterende alternatieve technologie/ product/oplossing: dit wordt gedefinieerd als het/de meest gebruikte product/technologie op de markt met dezelfde kernfuncties als het Bekaert-product dat in het kader van deze activiteit wordt beschouwd. Aangezien de publiek beschikbare informatie voor alternatieve producten beperkt is, kozen we meestal voor een representatief voorbeeld uit onze productportefeuille voor een vergelijkende LCA en waar geen representatief voorbeeld beschikbaar was, modelleerden we de concurrerende producten op basis van bepaalde veronderstellingen.
• Substantiële bijdrage aan activiteit 9.1. Dicht bij de markt aansluitend(e) onderzoek, ontwikkeling en innovatie: Bekaert doet actief onderzoek naar productinnovaties die broeikasgasemissies tijdens de levenscyclus van producten verminderen, verwijderen of vermijden. De uitgaven in verband met technologieën op dit gebied die zijn aangetoond in een industrieel relevante omgeving, d.w.z. op TRL6-niveau, worden gerapporteerd onder activiteit 9.1. Dit is een klein percentage van alle duurzame productinnovatie-inspanningen die bij Bekaert plaatsvinden omdat ze niet voldoen aan de criteria van TRL6. Om broeikasgasemissiereducties (BKG-reducties) aan te tonen, werd waar mogelijk dezelfde aanpak toegepast als hierboven vermeld voor de substantiële bijdrage van activiteit 3.6. In gevallen waarin de publiek beschikbare informatie beperkt is, hebben wij voor zover bij ons bekend aannames gedaan om te schatten of er potentiële BKG-reducties zouden optreden.
B. Geen ernstige afbreuk doen
Aangezien de meeste van de door Bekaert in aanmerking komende activiteiten (3.1, 3.2, 3.5, 3.6 en 3.20) vereisen dat aan dezelfde GEAD- vereisten (Geen Ernstige Afbreuk Doen) wordt voldaan, heeft Bekaert een systematische aanpak ontwikkeld om de naleving ervan te beoordelen:
• Generieke criteria voor GEAD voor preventie en bestrijding van verontreiniging met betrekking tot het gebruik en de aanwezigheid van chemische stoffen: als wereldwijde productieonderneming is Bekaert onderworpen aan meerdere voorschriften betreffende het gebruik en de aanwezigheid van chemische stoffen en volgen wij de lokale voorschriften dienovereenkomstig. Er is een onderzoek uitgevoerd om vast te stellen en te waarborgen dat de belangrijkste productielocaties voldoen aan de criteria van de gedelegeerde EU- Taxonomiewet betreffende klimaat Bijlage C, zoals bijgewerkt in de gedelegeerde wet van 4 juli 2025. In 2025 hebben we onze grondige beoordeling van de naleving van de GEAD- criteria in alle vestigingen geactualiseerd op basis van de veiligheidsinformatiebladen van chemische stoffen die zijn opgeslagen in onze beheertool voor chemicaliën.
• Algemene GEAD-criteria voor water: bij Bekaert engageren we ons om onze impact op wateronttrekking, -verbruik en -lozing te verminderen, vooral in gebieden met waterstress. We hebben een waterbeleid en waterbesparingsprogramma's in voege om onze impact te verminderen. Aanvullende informatie is beschikbaar in rubriek E3 Water.
• Algemene GEAD-criteria voor biodiversiteit: wij hebben al onze locaties gescreend op hun nabijheid tot en potentiële impact op beschermde gebieden en/of gebieden met een hoge biodiversiteitswaarde. De overgrote meerderheid van Bekaert-vestigingen bevinden zich in industriegebieden. Voor zover wij weten, is er tot op heden geen bewijs van enige milieu-impact van Bekaert-activiteiten op deze beschermde gebieden.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 220 −
• Generieke criteria voor GEAD voor adaptatie aan klimaatverandering: in 2022–2023 werd een diepgaande klimaatrisicostudie uitgevoerd om de impact van fysische klimaatveranderingsrisico's op alle wereldwijde activiteiten van Bekaert in te schatten. In 2024–2025 ging Bekaert verder met het verfijnen van deze studie, met focus op aanpassingsoplossingen en het in kaart brengen van de belangrijkste risico's van belangrijke leveranciers. Meer informatie is beschikbaar in rubriek E1 - SBM-3 - onder subrubriek Beoordeling fysische klimaatrisico's op pagina 230
• Criteria voor de overgang naar een circulaire economie: Bekaert zet zich in om de circulariteit van zijn producten continu te verbeteren. Dit omvat ontwerpen voor hoge duurzaamheid, recycleerbaarheid en hergebruik, evenals het gebruik van secundaire grondstoffen. Daarnaast geven we in ons productieproces prioriteit aan afvalbeheer waarbij recyclage de voorkeur krijgt boven weggooien. We hebben de haalbaarheid van de criteria van de EU-Taxonomie voor de circulaire economie beoordeeld voor onze in aanmerking komende en gealigneerde producten en waar mogelijk relevante technieken toegepast. We blijven actief werken aan het meer circulair maken van ons bedrijf in de toekomst. Meer informatie is beschikbaar in rubriek E5-2 op pagina 257 van dit verslag. Voor producten die zijn opgenomen als in aanmerking komend voor de EU-Taxonomie onder activiteit 9.1, werd een afzonderlijke GEAD- analyse uitgevoerd zoals voorzien in de EU- Taxonomieverordening. Voor zover wij weten, zijn er op dit moment geen potentiële risico's gevonden. Onze analyse is grotendeels gebaseerd op het feit dat gelijkaardige materialen en processen worden gebruikt in de ontwikkeling van deze nieuwe innovatieve producten.
C. Minimale sociale waarborgen
Bekaert houdt zich aan de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen, de leidende beginselen van de Verenigde Naties inzake bedrijfsleven en mensenrechten, de fundamentele verdragen van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO), de International Bill of Human Rights en artikel 18 van de EU- Taxonomieverordening. Voorts hebben wij de naleving van de minimale sociale waarborgen beoordeeld in overeenstemming met het eindverslag van het Platform voor duurzame financiering over minimale sociale waarborgen, dat zich richt op vier kernthema's die van toepassing zijn op Bekaert: mensenrechten met inbegrip van rechten van medewerkers, due diligence en risicobeoordelingsproces, mechanismes voor klachtenbehandeling, omkoping/corruptie, belastingen en eerlijke concurrentie. Naast andere initiatieven hebben we een mensenrechtenbeleid en een Gedragscode, die onze visie weerspiegelen en ons standpunt versterken over belangrijke onderwerpen gerelateerd aan mensenrechten, zakelijk gedrag en duurzaamheid (meer informatie is beschikbaar op pagina 265). Daarnaast hebben we in 2025 onze Gedragscode voor leveranciers geactualiseerd en beschikken we over een jaarlijks plan voor leveranciersaudits, waarmee we de naleving van mensen- en arbeidsrechten in onze hele toeleveringsketen verder kunnen verifiëren. Meer informatie is beschikbaar in rubriek S2 op pagina 284. We intensiveren verder onze inspanningen om mensenrechten te bevorderen via ons cross-functionele, wereldwijde programma voor due diligence. Meer informatie over sociale garanties en gerelateerde risico's doorheen de waardeketen van Bekaert is opgenomen in rubriek S2 Medewerkers in de waardeketen op pagina 284.
EU-Taxonomie kritische prestatie-indicatoren
| Boekjaar | 2025 KPI | 2025 Totaal | Aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | Op de taxonomie afgestemde activiteiten | Aandeel van op de taxonomie afgestemde activiteiten | Uitsplitsing naar milieudoelstellingen van op de taxonomie afgestemde activiteiten | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aandeel faciliterende activiteiten | Aandeel transitie- ondersteunende activiteiten | Niet beoordeelde activiteiten die als niet materieel worden beschouwd | Op de taxonomie afgestemde activiteiten in het vorige boekjaar | Aandeel van op de taxonomie afgestemde activiteiten in het voorgaande boekjaar | ||||||
| Klimaatmitigatie | Klimaatadaptatie | Water | Circulaire economie | Verontreiniging | ||||||
| In duizend € | In duizend € | |||||||||
| Omzet | 3 705 815 | 52% | 1 816 469 | 49% | 49% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% |
| CapEx | 169 280 | 58% | 76 406 | 45% | 45% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% |
| OpEx | 132 467 | 54% | 58 234 | 44% | 44% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% |
| 1. |
| Milieudoelstelling van op de taxonomie afgestemde activiteiten | Economische activiteiten | Code | Aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende omzet | Monetaire waarde van op de taxonomie afgestemde omzet | Aandeel op de taxonomie afgestemde omzet | Klimaatmitigatie | Klimaatadaptie | Water | Circulaire economie | Verontreiniging | Biodiversiteit | Faciliterende activiteit | Transitieondersteunende activiteit | Aandeel van op de taxonomie afgestemd in voor de taxonomie in aanmerking komend | % in duizend € | % | % | % | % | % | % | % | E | T | % |
| :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- |
| Fabricage van technologieën voor hernieuwbare energie | CCM 3.1 | 0,4% | 13 102 | 0,4% | 0,4% | | | | | | | E | | 100% |
| Fabricage van apparatuur voor de productie en het gebruik van waterstof | CCM 3.2 | 1% | 0 | 0,0% | 0% | | | | | | | | | |
| Fabricage van energie-efficiënte apparatuur voor gebouwen | CCM 3.5 | 2% | 0 | 0,0% | 0% | | | | | | | | | |
| Fabricage van andere koolstofarme technologieën | CCM 3.6 | 47% | 1 718 614 | 46% | 46% | | | | | | | E | | 99% |
| Fabricage, installatie en onderhoud van hoog-, midden- en laagspanningsapparatuur voor elektrische transmissie en distributie die resulteren in of bijdragen aan een substantiële bijdrage aan klimaatmitigatie | CCM 3.20 | 2% | 84 557 | 2% | 2% | | | | | | | E | | 100% |
| Dicht bij de markt aansluitend(e) onderzoek, ontwikkeling en innovatie | CCM 9.1 | 0,01% | 196 | 0,01% | 0,01% | | | | | | | E | | 100% |
| Som van de afstemming per doelstelling | | | | | 49% | | | | | | | | | |
| Totale omzet | | | 52% | 1 816 469 | 49% | 49% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 49% | 0% | 95% |
Decimaal alleen gebruikt voor percentages minder dan 1%
Teller
De teller bestaat uit de geconsolideerde omzet van Bekaert in 2025 die verband houdt met de in de bovenstaande tabel vermelde economische activiteiten (de cijfers verwijzen naar het deel in bijlage I van de Gedelegeerde Klimaatwet dat met die activiteit overeenstemt). We houden enkel rekening met de inkomsten uit specifieke producten en klanten met betrekking tot de EU-Taxonomie activiteit. Transacties tussen entiteiten werden uitgesloten door alle verkopen tussen divisies te elimineren, zodat alleen externe verkopen mee werden opgenomen in de uiteindelijke geconsolideerde cijfers. Alle bovenstaande activiteiten worden beschouwd als in aanmerking komende activiteiten, zoals bedoeld in artikel 10, lid 1, onder i), van Verordening (EU) 2020/852. Elke divisie heeft de geschiktheidsanalyse afzonderlijk uitgevoerd, voor de producten die binnen de divisie worden vervaardigd. Om dubbeltellingen te vermijden, werd deze informatie vervolgens samengevoegd en gevalideerd door Group Finance, volgens dezelfde principes als voor de geconsolideerde financiële rapportering. Voorbeelden van in aanmerking komende en gealigneerde producten en oplossingen zijn te vinden in rubriek E1-3 op pagina 238.
Noemer
De noemer bestaat uit de geconsolideerde omzet zoals gerapporteerd in het Financieel Overzicht van dit verslag.
2. Capital Expenditure (Capex) Boekjaar 2025
| Milieudoelstelling van op de taxonomie afgestemde activiteiten | Economische activiteiten | Code | aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende Capex) | Monetaire waarde van op de taxonomie afgestemde Capex | Aandeel op de taxonomie afgestemde Capex | Klimaatmitigatie | Klimaatadaptie | Water | Circulaire economie | Verontreiniging | Biodiversiteit | Faciliterende activiteit | Transitieondersteunende activiteit | Aandeel van op de taxonomie afgestemd in voor de taxonomie in aanmerking komend | % in duizend € | % | % | % | % | % | % | % | E | T | % |
| :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- |
| Fabricage van technologieën voor hernieuwbare energie | CCM 3.1 | 0,2% | 263 | 0,2% | 0,2% | | | | | | | E | | 100% |
| Fabricage van apparatuur voor de productie en het gebruik van waterstof | CCM 3.2 | 6% | 0 | 0% | 0 | | | | | | | | | |
| Fabricage van energie-efficiënte apparatuur voor gebouwen | CCM 3.5 | 0,1% | 0 | 0% | 0 | | | | | | | | | |
| Fabricage van andere koolstofarme technologieën | CCM 3.6 | 38% | 64 552 | 38% | 38% | | | | | | | E | | 100% |
| Fabricage, installatie en onderhoud van hoog-, midden- en laagspanningsapparatuur voor elektrische transmissie en distributie die resulteren in of bijdragen aan een substantiële bijdrage aan klimaatmitigatie | CCM 3.20 | 0,2% | 344 | 0,2% | 0,2% | | | | | | | E | | 100% |
| Opslag van elektriciteit | CCM 4.1 | 0,01% | 0 | 0% | 0% | | | | | | | | | |
| Vernieuwing van systemen voor winning, behandeling en distributie van water | CCM 5.2 | 1% | 0 | 0% | 0% | | | | | | | | | |
| Materiaalherwinning uit niet-gevaarlijk afval | CCM 5.9 | 0,002% | 0 | 0% | 0 | | | | | | | | | |
| Renovatie van bestaande gebouwen | CCM 7.2 | 2% | 0 | 0% | 0% | | | | | | | | | |
| Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting | CCM 7.3 | 3% | 0 | 0% | 0% | | | | | | | | | |
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | CCM 7.5 | 0,02% | 0 | 0% | 0% | | | | | | | | | |
| Installatie - onderhoud en herstelling van hernieuwbare energie technologieën | CCM 7.6 | 0,1% | 196 | 0,1% | 0,1% | | | | | | | E | | 100% |
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | CCM 8.1 | 1% | 0 | 0% | 0% | | | | | | | | | |
| Dicht bij de markt aansluitend(e) onderzoek, ontwikkeling en innovatie | CCM 9.1 | 7% | 11 050 | 7% | 7% | | | | | | | E | | 100% |
| Som van de afstemming per doelstelling | | | | | 45% | | | | | | | | | |
| Totale Capex | | | 58% | 76 406 | 45% | 45% | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 45% | 0 | 78% |
Decimaal alleen gebruikt voor minder dan 1%.
Teller
De teller bestaat uit (i) capex gerelateerd aan Taxonomie-geschikte en -gealigneerde oplossingen van Bekaert en (ii) investeringen in verband met andere voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten die niet direct gelinkt zijn aan Taxonomie-gealigneerde oplossingen van Bekaert (in beide gevallen gaat het om investeringen in het boekjaar 2025), zoals beschreven in punt 1.1.2.2 van bijlage I bij de Gedelegeerde verordening. De totale voor EU- Taxonomie in aanmerking komende capex wordt berekend op basis van de economische activiteiten die in de bovenstaande tabel zijn opgenomen. Van bovenstaande activiteiten worden de activiteiten 3.1, 3.2, 3.5, 3.6, 3.20, 7.3. 7.5 en 9.1 beschouwd als (toekomstig gealigneerde) faciliterende activiteiten, zoals bedoeld in artikel 10, lid 1, onder i), van Verordening (EU) 2020/852, terwijl de activiteiten 7.2 en 8.1 worden beschouwd als (toekomstig gealigneerde) transitieondersteunende activiteiten, zoals bedoeld in artikel 10, lid 2, onder i), van Verordening (EU) 2020/852. In bepaalde scenario's waar investeringen in activa worden gebruikt om zowel in aanmerking komende als niet in aanmerking komende producten te vervaardigen, hebben wij een toewijzingsregel toegepast gebaseerd op het percentage in aanmerking komende inkomsten van producten die worden vervaardigd in de specifieke productie-installatie waar het capexproject werd uitgevoerd teneinde de in aanmerking komende investeringen te berekenen. Een soortgelijke aanpak werd gevolgd voor gealigneerde en niet-gealigneerde producten. Elke divisie heeft haar kapitaaluitgaven in verband met de door Bekaert vervaardigde in aanmerking komende/gealigneerde producten afzonderlijk vastgesteld (letter (a) en (b) van punt 1.1.2.2 van bijlage I van de Gedelegeerde wet inzake rapportering, met inbegrip van investeringen die voortvloeien uit een plan om het aandeel van de in aanmerking komende/gealigneerde activiteiten binnen 5 jaar te verhogen). In een tweede fase heeft elke divisie de investeringen die bij de vorige stap werden weggelaten, verder gescreend om de investeringen te identificeren die verband houden met de aankoop van output van economische activiteiten die in aanmerking komen voor de taxonomie (letter (c) van het genoemde punt 1.1.2.2). Los daarvan identificeerde Group Finance de investeringen in verband met andere voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten, die niet in de boekhouding van de divisies waren opgenomen. Om dubbeltellingen te vermijden, werd deze informatie vervolgens samengevoegd en gevalideerd door Group Finance, volgens dezelfde principes als voor de geconsolideerde financiële rapportering. Onze hogere geschiktheidsscore voor capex-uitgaven, ten opzichte van onze omzet-KPI, toont aan dat we strategische investeringen doen om het aandeel van onze in aanmerking komende en gealigneerde economische activiteiten voortdurend uit te breiden.
Noemer
De noemer bestaat uit de totale investeringen van Bekaert in het boekjaar 2025 zoals bekendgemaakt in het Financieel Overzicht van dit verslag, met inbegrip van de toevoegingen aan materiële en immateriële activa vóór afschrijvingen en eventuele waardeaanpassingen.
3. Operating expenses (Opex) Boekjaar 2025
| Milieudoelstelling van op de taxonomie afgestemde activiteiten | Economische activiteiten | Code | aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende Capex) | Monetaire waarde van op de taxonomie afgestemde Capex | Aandeel op de taxonomie afgestemde Capex | Klimaatmitigatie | Klimaatadaptie | Water | Circulaire economie | Verontreiniging | Biodiversiteit | Faciliterende activiteit | Transitieondersteunende activiteit | Aandeel van op de taxonomie afgestemd in voor de taxonomie in aanmerking komend | % in duizend € | % | % | % | % | % | % | % | E | T | % |
| :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- |
| Fabricage van technologieën voor hernieuwbare energie | CCM 3.1 | 0,1% | 170 | 0,1% | 0,1% | | | | | | | E | | 100% |
| Fabricage van apparatuur voor de productie en het gebruik van waterstof | CCM 3.2 | 4% | 0 | 0% | 0 | | | | | | | | | |
| Fabricage van energie-efficiënte apparatuur voor gebouwen | CCM 3.5 | 3% | 0 | 0% | 0 | | | | | | | | | |
| Fabricage van andere koolstofarme technologieën | CCM 3.6 | 43% | 56 470 | 43% | 42,6% | | | | | | | E | | 98% |
| Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen | CCM 6.5 | 3% | 254 | 0,2% | 0,2% | | | | | | | | T | 6% |
| Dicht bij de markt aansluitend(e) onderzoek, ontwikkeling en innovatie | CCM 9.1 | 1% | 1 340 | 1% | 1% | | | | | | | E | | 100% |
| Som van de afstemming per doelstelling | | | | | 44% | | | | | | | | | |
| Totale Opex | | | 54% | 58 234 | 44% | 44% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 44% | 0,2% | 81% |
Decimaal alleen gebruikt voor minder dan 1%.
Teller
Het begrip opex in de EU-Taxonomie is niet gelijk aan één post in de winst- en verliesrekening. De EU-Taxonomie heeft een specifiek toepassingsgebied voor de te rapporteren operationele kosten (beschreven in het deel over de noemer hieronder), daarom verwijzen wij naar dit gereduceerde concept als 'toepasselijke' opex om het duidelijk te onderscheiden van de door Bekaert gerapporteerde lijnen in de resultatenrekening.De teller bestaat uit (i) 'toepasselijke' opex met betrekking tot activiteiten die in aanmerking komen voor en gealigneerd zijn met de taxonomie (ii) 'toepasselijke' opexkosten in verband met andere economische activiteiten die voor de taxonomie in aanmerking komen, zoals beschreven in punt 1.1.3.2 van bijlage I bij de Gedelegeerde wet inzake rapportering. De totale voor de EU-Taxonomie in aanmerking komende en gealigneerde 'toepasselijke' opex wordt berekend op basis van de in bovenstaande tabel genoemde economische activiteiten. Alle bovenstaande activiteiten worden beschouwd als (toekomstig gealigneerde) ondersteunende activiteiten, als bedoeld in artikel 10, lid 1, onder i), van Verordening (EU) 2020/852, met uitzondering van activiteit 6.5 'Vervoer per motorfiets, personenwagens en lichte bedrijfsvoertuigen'. In bepaalde scenario's waarin het onmogelijk is de opexkosten toe te kennen aan individuele productlijnen, hebben wij een toewijzingsregel toegepast op basis van het percentage in aanmerking komende omzet van producten die binnen de divisie of het segment worden geproduceerd om de in aanmerking komende O&O-uitgaven, de renovatiemaatregelen voor gebouwen en de onderhouds- en reparatiekosten te berekenen. Elke divisie heeft de uitgaven die voldoen aan de definitie van de EU-Taxonomie met betrekking tot de in aanmerking komende en gealigneerde producten afzonderlijk geëxtraheerd. Onze centrale inkoopafdeling identificeerde afzonderlijk de 'toepasselijke' opexkosten in verband met de inkoop van andere voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten, die niet in de boekhouding van de divisies waren opgenomen. Op dezelfde manier identificeerde onze centrale afdeling Technologie en Innovatie de O&O-uitgaven met betrekking tot de in aanmerking komende en gealigneerde producten, die niet in de boekhouding van de divisies waren opgenomen. Om dubbeltellingen te vermijden, werd deze informatie vervolgens samengevoegd en gevalideerd door Group Finance, volgens dezelfde principes als voor de geconsolideerde financiële rapportering.
Noemer Opex wordt in de gedelegeerde wet inzake rapportering gedefinieerd als directe niet-gekapitaliseerde kosten die betrekking hebben op onderzoek en ontwikkeling, renovatiemaatregelen voor gebouwen, kortlopende huurcontracten, onderhoud en reparatie, en alle andere directe uitgaven in verband met het dagelijkse beheer van materiële vaste activa. De noemer omvat de uitgaven die binnen deze definitie van opex passen. Elke divisie haalde de onderhouds- en reparatiekosten (waaronder niet-geactiveerde uitgaven voor renovatiemaatregelen aan gebouwen) uit interne rapporteringssystemen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 227 −
E1 Klimaatverandering
Integratie van duurzaamheidsprestaties in incentiveprogramma's (E1 - GOV-3)
Bekaert integreert duurzaamheidsgerelateerde prestaties in zijn langetermijn-incentives. Een ESG-korf (scope 1 & 2 CO2e-emissiereductie en veiligheidsprestaties (TRIR), beide even belangrijk) geldt voor 10% van het gewicht voor de prestaties over de periode 2025–2027. Informatie over incentiveprogramma's van voorgaande jaren is beschikbaar in eerdere jaarverslagen op onze website.
ESRS 2 E1 - GOV3 §13
Ons transitieplan om klimaatverandering tegen te gaan (E1-1)
We creëren waarde door middel van duurzaamheid
Bij Bekaert geloven we dat het onze verantwoordelijkheid is om een betere toekomst te creëren. Onze wetenschappelijk onderbouwde doelen voor de vermindering van broeikasgassen werden onafhankelijk gevalideerd door het Science Based Targets-initiatief (SBTi). Door hieraan deel te nemen en ons te verbinden tot doelen in overeenstemming met SBTi, zijn wij lid geworden van de Race to Zero van de UN Climate Champions en daarmee willen wij een aanzienlijke impact uitoefenen in de strijd tegen klimaatverandering.
We hebben ons het doel gesteld om onze gecombineerde scope 1- en 2- broeikasgasemissies (BKG) – die voor het grootste deel afkomstig zijn van de elektriciteit die we inkopen en van het gas dat in onze fabrieken wordt gebruikt – tegen 2030 met 46,2% te verminderen (ten opzichte van 2019) en we hebben de ambitie om een net zero- koolstofuitstoot te bereiken tegen 2050. Naast actie nemen in onze eigen activiteiten is het ook ons doel om onze scope 3-uitstoot van aangekochte goederen en diensten tegen 2035 met 19,7% te verminderen (ten opzichte van 2019).
Onze doelen en onze ambitie moeten worden ondersteund door beleidsvorming, voldoende beschikbaar staal van koolstofarme productieprocessen en alle actoren in de waardeketen en naties om dienovereenkomstig te handelen. We hebben een roadmap ontwikkeld om onze decarbonisatiedoelen te behalen en kunnen vooruitgang aantonen. We hebben een transitieplan voor 2030 waarin de stappen en acties staan die de divisies en de verschillende functies moeten nemen om onze milieudoelen te behalen. Het transitieplan voor 2030 werd goedgekeurd door zowel het Uitvoerend Management als de Raad van Bestuur. Het transitieplan voor 2030 is geïntegreerd in de businessplannen voor 2030 van elke divisie van Bekaert, waaronder de financiële middelen die nodig zijn om de doelen te behalen. Meer informatie over de vooruitgang die we in 2025 hebben geboekt ten opzichte van onze doelen (waaronder de hefbomen) is beschikbaar in rubriek E1-4 on page 240.
We zijn vastbesloten het leven te verbeteren en waarde te creëren voor alle stakeholders door een positieve impact te creëren met onze duurzame oplossingen. We streven ernaar om in 2030 65% van onze geconsolideerde omzet te halen uit duurzame oplossingen, een bewijs van onze toewijding om de manier waarop we leven en bewegen vorm te geven. Bij het definiëren van milieuvriendelijke oplossingen volgen we de definities van de EU-Taxonomie en maken we gebruik van door derden geverifieerde levenscyclusanalyses (LCA's) voor op feiten gebaseerde vergelijkingen. Onze met de EU- Taxonomie gealigneerde inkomsten zijn in 2025 gestegen tot 49%. Voor meer informatie over de belangrijkste prestatie-indicatoren van de met de taxonomie gealigneerde inkomsten, capex en opex verwijzen we naar de gedetailleerde rubriek EU -Taxonomie sectie op pagina 216.
Met deze doelen denken wij verder dan morgen, maken we verbetering mogelijk door innovatie en baseren wij onze initiatieven op de nieuwste wetenschappelijke inzichten die bijdragen tot een duurzame toekomst op langere termijn.
ESRS E1-1 §14 §16a, b, c, e, g, h, i, j
We hebben de bestaande belangrijke activa in onze fabrieken wereldwijd geanalyseerd en zijn tot de conclusie gekomen dat de activa met een potentiële carbon lock-in voornamelijk beperkt zijn tot gasgestookte ovens of baden. Door deze ovens en baden te elektrificeren, Bekaert Jaarverslag 2025 − 228 − kunnen we het gebruik van gas verminderen of elimineren. We lopen het risico op een carbon lock-in als fossiele middelen niet worden vervangen door groene technologieën, een transitie die afhangt van toekomstige kosteneffectieve technologische vooruitgang en ondersteunende beleidsmaatregelen.
ESRS E1-1§16d
Hefbomen voor decarbonisatie en belangrijkste acties
In het kader van het transitieplan hebben we meerdere hefbomen geïdentificeerd om op kortere termijn koolstofarmer te worden: we verhogen het gebruik van hernieuwbare elektriciteit door opwekking in onze fabrieken en externe (virtuele) PPA's, en we verlagen de energie die nodig is in onze productieprocessen. Met een blik op de toekomst hebben we duidelijke kansen voor de komende jaren geïdentificeerd, die momenteel verder worden onderzocht, met een primaire focus op initiatieven die additionaliteit stimuleren. Voor het opwekken van hernieuwbare energie richten we ons op zonne- en windenergie. Meer informatie over onze maatregelen is beschikbaar in rubriek E1-3 op pagina 234. Naarmate de technologie vordert, zullen we elektrificatie, het gebruik van biobrandstoffen en/ of groene waterstof verder onderzoeken en evalueren.
Onze roadmap voor decarbonisatie omvat momenteel meer dan 1 000 afzonderlijke projecten, waarvan er al meer dan 200 als haalbaar zijn geïdentificeerd. Deze projecten omvatten alle belangrijke hefbomen voor decarbonisatie en omvatten ook het onderzoeken van oplossingen voor de langere termijn.
ESRS E1-1 §16b, j
Duurzame oplossingen
We willen het voortouw nemen in de ontwikkeling van duurzame producten en oplossingen en helpen een betere toekomst te creëren. Bij Bekaert engageren we ons om de vooruitgang in nieuwe mobiliteit, duurzaam bouwen en de energietransitie te versnellen. Bij het ontwerp van onze producten en oplossingen staan duurzaamheid, zoals decarbonisatie, dematerialisatie, circulariteit en levenscyclus gericht denken, centraal. Zo zorgen we ervoor dat verantwoorde praktijken die hulpbronnen efficiënt gebruiken in hun hele levenscyclus en in onze waardeketen zijn ingebed.
Onze duurzame oplossingen zijn van doorslaggevend belang voor decarbonisatie en dragen bij aan het beperken van de klimaatverandering door schone eindmarkten mogelijk te maken en/of de uitstoot van broeikasgassen gedurende de levenscyclus te verminderen in vergelijking met gangbare alternatieven. Dit laatste bereiken we door bepaalde traditionele staalproducten te vervangen door koolstofarme of lichtgewicht alternatieven en/of door beter presterende producten aan te bieden die de total cost of ownership (TCO) verlagen.
Bekaert engageert zich om het voortouw te nemen in het creëren van een groenere wereld door duurzame oplossingen aan te bieden die de transitie in verschillende sectoren ondersteunen. Van onze nieuwe generatie bandenversterkingsproducten Elyta® tot offshore wind- en zonne-energie met onze verankeringsoplossingen en duurzame betonversterking met onze Dramix®-vezels: de innovaties van Bekaert bevorderen de overgang naar een schonere, duurzamere toekomst. Ons inhera®-label onderscheidt oplossingen die robuuste duurzaamheidsresultaten behalen zonder in te boeten aan prestaties. Meer informatie is beschikbaar in rubriek E1-3 op pagina 238.Meer informatie over de bijdrage van onze duurzame oplossingen in de circulaire economie en hoe we levenscyclusanalyses (LCA's) gebruiken om onze inspanningen te sturen, is beschikbaar in rubriek E5-2 op pagina 257. ESRS E1-1§16a,b
Bekaert Jaarverslag 2025 − 229 −
Materiële impacts, risico’s en hun wisselwerking met strategie en businessmodel (E1 – SBM-3)
Onze materiële impacts en risico's
De klimaatgerelateerde impacts, risico's en kansen zijn geïdentificeerd en beoordeeld in het kader van de dubbele materialiteitsbeoordelingsprocedure (zie rubriek IRO-1 op pagina 214), met inbegrip van de conclusies van de ERM-oefening 2025 (zie Enterprise Risk Management in de Corporate Governance Verklaring op pagina 82), evenals de inzichten uit de risicostudie fysische klimaatverandering (zie pagina 230).
De volgende materiële thema's met betrekking tot de klimaatverandering werden geïdentificeerd voor Bekaert:
Negatieve impact
Onze productieprocessen zijn energie-intensief en we stoten CO2e uit, voornamelijk indirect door ons gebruik van aangekochte elektriciteit, maar ook direct door het gebruik van gas. Onze walsdraadleveranciers (de belangrijkste grondstof van Bekaert) hebben een hoge koolstofvoetafdruk. We werken er voortdurend aan om onze eigen activiteiten energiezuiniger te maken, terwijl we tegelijkertijd werken aan een langetermijnstrategie voor elektrificatie. We kopen hernieuwbare energiebronnen in en installeren energieopwekking op onze eigen productiesites (zon en wind) waar dat beschikbaar en technisch/economisch haalbaar is. We pakken de uitstoot van onze leveranciers aan door over te stappen van de inkoop van staal van een productieproces met hoge koolstofuitstoot naar meer staal van een productieproces met lage koolstofuitstoot, waar dit economisch haalbaar is en tegemoet komt aan de eisen van de klant. Door een evenwicht te vinden tussen de kosten en energie die nodig zijn voor onze eigen activiteiten en de grondstoffen voor de toeleveringsketen, zorgen we ervoor dat we financieel weerbaar zijn en tegelijkertijd een verantwoordelijk bedrijf zijn.
Positieve impact
Door de verscheidenheid aan producten en oplossingen die we onze klanten bieden, dragen we bij aan het koolstofvrij maken van de wereld en het terugdringen van de opwarming van de aarde. We streven ernaar om tegen 2030 65% van onze inkomsten te genereren uit duurzame oplossingen, maar we kunnen dit niet alleen. Om dit doel te bereiken, is een duidelijke aantrekking van de markt nodig inclusief de bereidheid om hiervoor te betalen. Daarnaast moeten ook de politieke en economische randvoorwaarden in de landen waar we actief zijn, gunstig zijn.
Risico
De staalindustrie is een moeilijk te vergroenen sector en deze vergroening zal aanzienlijke inspanningen en investeringen vergen. We zijn sterk afhankelijk van de ontwikkelingen in de staalsector, het geopolitieke landschap, het tempo van de decarbonisatie van het elektriciteitsnet en of staal van koolstofarme productieprocessen al dan niet beschikbaar is in de hoeveelheden, kwaliteiten en competitieve prijzen die de waardeketen nodig heeft. Bovendien moet dit alles ondersteund worden door adequate beleidsvorming en internationale, eerlijke handels- en koolstofprogramma's om een gelijk speelveld te creëren.
Opportuniteit
We zien een opportuniteit om onze portfoliomix en ons productaanbod verder te transformeren en te ontwikkelen met schone oplossingen die decarbonisatie mogelijk maken en de opwarming van de aarde tegengaan. Om deze kans te kunnen benutten, hebben we echter een duidelijke aantrekking van de markt nodig en de bereidheid om hiervoor te betalen, evenals gunstige politieke en economische randvoorwaarden in de landen waar we actief zijn.
Meer informatie over onze broeikasgasemissies is beschikbaar in rubriek E1-6 on page 244. ESRS E1-IRO 1 §20a
Klimaatgerelateerde kansen en risico's zijn in kaart gebracht volgens het classificatieraamwerk van de Task Force on Climate-related Financial Disclosures (TCFD), dat zowel transitie- als fysische risico's en kansen omvat.
| Kansen van klimaatverandering | Efficiënt materiaalgebruik | Duurzame producten en diensten | Hernieuwbare energiebronnen | Veerkracht | Nieuwe financiële bronnen |
|---|---|---|---|---|---|
| We optimaliseren onze productieprocessen door middel van programma's voor energie-efficiëntie, emissiereductie, water- en afvalbeheer. | Onze oplossingen zijn essentieel voor het koolstofvrij maken van andere sectoren en bieden ons toegang tot nieuwe zakelijke kansen. | Ons plan voor hernieuwbare energie stelt ons in staat om de koolstofuitstoot te verminderen door energieopwekking in onze fabrieken en overeenkomsten voor stroom uit hernieuwbare bronnen ((v)PPA's). | Dankzij onze strategische planning en actieve benadering van risicobeheer kunnen we risico's en kansen opnemen in de bedrijfsstrategie. | Onze duurzaamheidsstrategie maakt het bedrijf aantrekkelijk voor investeerders en creëert toegang tot nieuwe financiële bronnen. |
1 referentie Verslag van 2024 van de Verenigde Naties over de hiaten in emissies
Bekaert Jaarverslag 2025 − 230 −
| Transitierisico's door klimaatverandering | Fysische risico's door klimaatverandering |
|---|---|
| Regelgeving | Acuut |
| Technologie | Chronisch |
| Markt | |
| Reputatie |
De evoluerende klimaatregelgeving en koolstofprijs- mechanismen kunnen een strategische impact hebben en/ of kosten en prijzen verhogen. De transitie naar een koolstofarme economie brengt extra kosten met zich mee, ten gevolge van vereiste technologische veranderingen en de geleidelijke vervanging van producten en processen door alternatieven met een lagere koolstofuitstoot en alternatieven met een meer circulair karakter. Veranderend gedrag van klanten in de richting van duurzamere keuzes, verschuivingen in inkoop en onzekerheden en/of vertragingen in de transitie van de energiemarkt kunnen een risico vormen voor sommige bestaande producten en/of de kosten beïnvloeden. De groeiende verwachtingen van stakeholders (klanten, investeerders, ...) sturen de duurzaamheids- agenda en onze prestaties. Het vaker voorkomen van extreme weers- omstandigheden (voornamelijk overstromingen, zware regenval en windstormen) kan een impact hebben op onze activiteiten en toeleveringsketen. Toenemende blootstelling aan hittestress, droogte en ongunstige weers- omstandigheden kan een impact hebben op de arbeids- omstandigheden.
De scenario's waarop onze klimaatgerelateerde scenarioanalyse is gebaseerd, worden beschreven in de rubrieken Veerkracht met betrekking tot klimaatverandering en Risicostudie fysische klimaatverandering. ESRS E1 – SBM3 §16h §18, AR8b
Veerkracht met betrekking tot klimaatverandering
We hebben doelen en uitgebreide plannen opgesteld om onze eigen activiteiten duurzamer te maken en ons portfolio voortdurend aan te passen aan de behoeften van de markt door duurzame oplossingen aan te bieden. Door voor onze eigen activiteiten doelen vast te stellen die aansluiten bij de doelstelling van 1,5 °C, terwijl het overheidsbeleid uitgaat van een stijging van meer dan 2 °C $\text{}^2$, laten we zien dat veerkracht en duurzaamheid op de lange termijn centraal staan in onze strategie. Om de veerkracht en de aanpasbaarheid van onze strategische plannen en businessmodellen in het licht van de klimaatverandering te garanderen, integreren we de volgende stappen in ons strategische plannings- en beoordelingsproces waarbij we kijken naar de impact op middellange termijn (tot 2030):
- We hebben divisie-specifieke materiële risico's en kansen in kaart gebracht: door gebruik te maken van het Enterprise Risk Management Framework (ERM), dubbele materialiteitsbeoordelingen en studies rond fysische klimaatrisico's hebben we de belangrijkste risico's en kansen geïdentificeerd en geprioriteerd.
- We monitoren voortdurend de ontwikkeling van de externe krachten die relevant zijn voor ons bedrijf en de marktdynamiek: we volgen trends, wijzigingen in regelgeving en vereisten die onze strategie zouden kunnen beïnvloeden op en evalueren ze, waaronder inzichten van regelgevende instanties, klanten, leveranciers, concurrenten, medewerkers en investeerders.
- We beoordelen de impact van strategische plannen op duurzaamheidsdoelen: we berekenen en voorspellen de effecten van onze strategische initiatieven op onze duurzaamheidsdoelstellingen.
- We passen een gestructureerde aanpak toe en hanteren verschillende scenario's om risico's en kansen te evalueren binnen onze strategische plannings- en risicobeheerprocessen.
- We houden rekening met de hele waardeketen en al onze materiële fysische en transitierisico's en - kansen.
Om de geïdentificeerde en opkomende klimaatgerelateerde risico's en kansen aan te pakken, hebben we voor elke divisie specifieke, uitvoerbare stappen gedefinieerd, die een proactieve en veerkrachtige benadering van duurzaamheid verzekeren, met strategische aanpassingen waar nodig. ESRS E1 – SBM3 §19, AR7b, IRO1 §20c, §21
Risicostudie fysische klimaatverandering
Toepassingsgebied
Als onderdeel van Bekaerts klimaatrisicobeheerstrategie hebben we in 2022–2023 een diepgaande klimaatrisicostudie uitgevoerd om de mogelijke fysische impacts van klimaatverandering voor onze wereldwijde activa en activiteiten te beoordelen. In 2024–2025 hebben we dit werk verfijnd door het interne bewustzijn te vergroten, mogelijke aanpassingsoplossingen te identificeren, mitigatiebenaderingen te ontwikkelen en de belangrijkste risico's voor leveranciers in kaart te brengen.
2IPCC: Intergovernmental Panel on Climate Change (Intergouvernementele werkgroep inzake klimaatverandering)
3SSP's: Shared Social Economic Pathways (Gedeelde sociaaleconomische trajecten) ontwikkeld door het IPCC
Bekaert Jaarverslag 2025 − 231 −
De beoordeling had tot doel mogelijke toekomstige kwetsbaarheden, impacts en aanpassingsmaatregelen voor de activiteiten van Bekaert onder fysische klimaatrisico's te identificeren.Er werden drie klimaatscenario's (representatieve concentratietrajecten 2.6, 4.5 en 8.5) geanalyseerd op basis van het vijfde evaluatierapport van het IPCC 2 en in kaart gebracht volgens AR6 SSPs 3. Deze scenario's vertegenwoordigen een opwarming van de aarde met $1,5 \text{ }^\circ\text{C}$, $2\text{–}3 \text{ }^\circ\text{C}$ en $>4 \text{ }^\circ\text{C}$ in de gemiddelde oppervlaktetemperatuur wereldwijd tegen 2100 (zie afbeelding gepubliceerd door het IPCC). Voor elke Bekaert-site en voor elk traject werden acute en chronische gevaren beoordeeld over belangrijke tijdshorizonten, waarbij de focus lag op het huidige basisrisico en projecties op middellange termijn tot 2050.
| Temperatuur-verandering IPCC scenario | Nu | 2030 | 2050 |
|---|---|---|---|
| $1,5 \text{ }^\circ\text{C}$ RCP 2.6 | v | v | v |
| $2\text{–}3 \text{ }^\circ\text{C}$ RCP 4.5 | v | v | v |
| $>4 \text{ }^\circ\text{C}$ RCP 8.5 | v | v | v |
Verandering van de wereldwijde oppervlaktetemperatuur ten opzichte van 1850-1900 (uit het rapport Climate Change 2021 van het IPCC). De studie richtte zich op de volgende klimaatrisico's en daaraan gekoppelde risico's die van materieel belang worden geacht voor de wereldwijde activa en operationele voetafdruk van Bekaert:
ACUUT GEVAAR
| Rivier- overstroming | Kust- overstroming | Windstorm |
| :--- | :--- | :--- |
| Waarschijnlijkheid en omvang van overstroming door mogelijke zware rivieroverstromingen | Waarschijnlijkheid en omvang van overstroming door mogelijke zware kustoverstromingen en zeespiegelstijging | Schadelijke windvlagen door zware windstormen |
CHRONISCH GEVAAR
| Hittestress | Droogtestress | Neerslag | Brand- gevaarlijk weer |
| :--- | :--- | :--- | :--- |
| Jaarlijks aantal hittegolfdagen met aanhoudende hoge temperaturen van meer dan $30 \text{ }^\circ\text{C}$ | Jaarlijks aantal periodes met langdurige droogte (maanden) | Jaarlijks aantal dagen met zware regenval van meer dan $30 \text{ mm}$ | Gebieden die blootstaan aan meteorologische brandomstandigheden en duur van het brandseizoen (maanden) |
We gaan ervan uit dat deze risico's ook van toepassing zijn op bedrijven in vergelijkbare sectoren en in dezelfde geografische gebieden als waar wij actief zijn.
Methodologie
Bekaert werkte samen met externe adviseurs en belangrijke stakeholders om de onderliggende aannames van de de klimaatrisicostudie te valideren. Onder meer een diagnose op een hoger niveau van de toekomstige blootstelling aan risico's, zoals het in kaart brengen van activa op klimaatgevoelige locaties, en een beoordeling van mogelijke kwetsbaarheden. Vervolgens kwantificeerden we de financiële risicowaarde voor elk van de materiële acute en chronische gevaren. De methodologie combineerde een analyse per activa van de huidige en toekomstige blootstelling aan risico's met behulp van klimaatrisicomodellen uit de verzekeringssector, aangevuld met op maat gemaakte risicowaardemodellen voor directe fysische schade en bedrijfsschade. De gegevensbronnen omvatten geavanceerde klimaatmodellen en verzekeringsdatabases, de Global Peril Diagnostic- en Climate Diagnostic-tools van WTW, gevarengegevens van Munich Re en onderzoek van het IPCC. Om het bewustzijn te verhogen en de paraatheid te versterken, implementeerde Bekaert een blootstellingsanalyse en zelfevaluatietool in alle productievestigingen. De inzichten uit dit proces vormen input voor adaptatieplanning en mitigatiestrategieën.
ESRS E1-IRO 1 §20bi,ii
Belangrijkste bevindingen
De onderstaande samenvatting geeft een overzicht van de blootstelling aan klimaatrisico's voor de materiële activa en operationele activiteiten van Bekaert, samen met de huidige en geplande adaptatie- en mitigatiemaatregelen. Onze voetafdruk kan op middellange tot lange termijn het meest worden beïnvloed door overstromingen, regenval en hittestress, matig door droogte en brandgevaar, en in geringe mate door stormen (hoewel verwacht wordt dat die vaker zullen voorkomen). Deze bevindingen vormen een leidraad voor onze veerkrachtplanning en voor het bepalen en prioriteren van mitigatie- en adaptatiemaatregelen om de blootstelling aan fysische klimaatrisico's te verminderen. Onze adaptatieaanpak zal zich verder ontwikkelen door middel van gerichte lokale studies en acties, ondersteund door overheidsprogramma's en sectorbrede initiatieven in relevante ecosystemen. Daarnaast worden engineering standaarden en operationele drempels geactualiseerd zodat rekening gehouden wordt met klimaatverandering en wordt de blootstelling aan klimaatrisico's geïntegreerd in projectevaluaties. Zoals blijkt uit onderstaande tabel, heeft Bekaert al stappen ondernomen en blijft het adaptatiemaatregelen ontwikkelen om zowel huidige als toekomstige risico's aan te pakken. We zullen de nodige investeringen definiëren om deze risico's aan te pakken en ze via een gefaseerde, op risico's gebaseerde aanpak te implementeren. We erkennen ook dat weinig waarschijnlijke ernstige gebeurtenissen gevolgen kunnen hebben voor de regionale infrastructuur en de waardeketen. Daarom blijft Bekaert samenwerken met lokale overheden en belangrijke leveranciers om de noodplannen en de continuïteitsplanning voor, tijdens en na dergelijke gebeurtenissen op elkaar af te stemmen.
| Huidig klimaatrisico | Klimaatrisico's voor 2050 in het hoge-emissiescenario (RCP 8.5) | Bescherming en adaptatie- aanpak |
|---|---|---|
| Droogte | Momenteel bevinden sommige van Bekaerts activiteiten zich in een omgeving met grote droogtestress, met gemiddeld meer dan 4 maanden droogte per jaar. Deze omstandigheden gaan gepaard met problemen van waterschaarste in de regio's en in sommige gebieden met een onderbreking van de elektriciteitsvoorziening uit waterkrachtbronnen. In 2025 heeft dit niet geleid tot materiële of onverwachte gevolgen voor de business. | De bestaande droogtestress zou in dit scenario nog worden verergerd door langere droogteperioden en doordat nieuwe regio's en installaties aan deze omstandigheden worden blootgesteld. Dit kan leiden tot watertekorten en mogelijk de activiteiten verstoren van installaties met waterafhankelijke processen. De betrouwbaarheid van waterkracht zou verder kunnen worden aangetast. |
| Hittestress | Een deel van de wereldwijde activiteiten vindt al plaats in gebieden met matige en grote hitte. Dit brengt een risico met zich mee van een licht productiviteitsverlies tijdens hittegolf periodes en een hoger verbruik van airconditioning/energie op locaties met strenge luchtkwaliteitseisen. Onze productievestigingen werden in 2025 niet getroffen door materiële incidenten. | Het aantal hittegolfdagen en de geografische spreiding van hittezones neemt toe, wat een impact heeft op bijkomende activiteiten en het risico voor bestaande activiteiten waarschijnlijk zou verhogen. |
| Neerslag | Delen van de wereldwijde activiteiten bevinden zich al in gebieden met zware regenval. Hierdoor ontstaat het risico van plaatselijke overstromingen en plasvorming rond productiefaciliteiten en van lekkende daken. De gevolgen kunnen schade aan de omliggende infrastructuur omvatten, zoals toegangswegen, uitrusting en materiaal, alsook verstoring van de werking van essentiële nutsvoorzieningen. Onze productievestigingen werden in 2025 niet getroffen door materiële incidenten. | Het aantal dagen met zware regenval neemt toe, wat de omstandigheden schept voor frequentere gevolgen. |
| Brandgevaarlijk weer | Matige brandgevaarlijke weersomstandigheden zijn voor een klein deel van alle activa relevant. Dit kan leiden tot enige materiële schade en verstoring van de nutsvoorzieningen door plaatselijke branden. Onze productievestigingen werden in 2025 niet getroffen door materiële incidenten. | Ongunstige omstandigheden nemen toe en het aantal locaties dat overgaat naar gematigde omstandigheden en een langer brandseizoen verdubbelt. |
| Overstroming | Delen van de activiteiten van Bekaert bevinden zich in zones waar ernstige overstromingen kunnen voorkomen, al is de waarschijnlijkheid daarvoor laag. De gevolgen voor die activa kunnen schade aan infrastructuur, uitrusting en materiaal omvatten, alsook verstoring van de werking van essentiële nutsvoorzieningen. Onze productievestigingen werden in 2025 niet getroffen door materiële incidenten. | Geen substantiële veranderingen in de blootstelling aan kust- of rivieroverstromingen, maar op sommige locaties is de blootstelling al zeer hoog. |
Huidig klimaatrisico
Klimaatrisico's voor 2050 in het hoge-emissiescenario (RCP 8.5)
Bescherming en adaptatie-aanpak
Windstorm
Sommige sites van Bekaert worden matig door windstormen getroffen, terwijl de meerderheid van de activa niet materieel zijn blootgesteld. Er is een risico op windschade aan blootgestelde sites en verstoring van de werking van essentiële nutsvoorzieningen. Onze productievestigingen werden in 2025 niet getroffen door materiële incidenten. Geen wezenlijke veranderingen in de blootstelling aan windstormen. Bij het ontwerp van bestaande gebouwen en installaties wordt al rekening gehouden met zware wind. Redelijkerwijs kan worden aangenomen dat een goed onderhouds- en inspectieregime van de huidige locaties, alsmede het volgen van de beste praktijken inzake windontwerpspecificaties, noodplannen en bedrijfscontinuïteitsplannen significante impact op de activiteiten zouden moeten helpen voorkomen en beperken. ESRS E1 - SBM3 §18, E1-IRO1 §20b, AR11, §21
Onze processen om materiële klimaatimpacts, -risico’s en - kansen te identificeren en te beoordelen (E1 - IRO-1)
De informatie over de processen voor het identificeren en beoordelen van klimaatgerelateerde materiële impacts, risico's en kansen is beschikbaar in rubriek E1 SBM-3 op pagina 229.
Beleid inzake klimaatmitigatie en klimaatadaptatie (E1-2)
Ons doel is om de planeet te beschermen met twee aandachtspunten in het achterhoofd: van Bekaert een duurzamer bedrijf maken en bijdragen aan een duurzamere wereld met onze duurzame oplossingen. Het is onze ambitie om onze koolstofvoetafdruk te verkleinen door meer hernieuwbare energie te gebruiken en onze energie-efficiëntie te verbeteren. Ons beleid inzake energie en klimaatverandering is ontworpen om onze organisatie af te stemmen op onze decarbonisatieroadmap. Het beleid is van toepassing op alle geconsolideerde activiteiten en entiteiten van Bekaert. De Chief Operating Officer (COO) houdt toezicht op het formuleren van het beleid. De divisie-CEO's zijn, met ondersteuning van de relevante bedrijfsfuncties, verantwoordelijk voor de implementatie van dit beleid in hun respectievelijke divisie en activiteiten. De Engelse versie van het beleid is beschikbaar op onze website. ESRS E1-2 §24, 25
Onze acties en middelen inzake klimaatverandering (E1-3)
Onze decarbonisatie roadmap
We hebben een decarbonisatieroadmap ontwikkeld voor de periode van ons referentiejaar 2019 tot 2030, in lijn met het eindjaar van ons door SBTi goedgekeurd scope 1- en 2 CO2e-doel en compatibel met het beperken van de opwarming van de aarde tot 1,5 °C. Onze strategie maakt gebruik van verschillende belangrijke hefbomen: het verbeteren van de energie-efficiëntie in onze vestigingen door middel van You Know WATT-projecten, het installeren van duurzame energieopwekking in onze fabrieken en het aankopen van groene stroom via (v)PPA's. In de periode 2019–2025 hebben onze acties geleid tot een vermindering van de CO2e-uitstoot met ongeveer 380 000 ton 5.
6We verwijzen naar toelichting 6.3 van het Financieel Verslag voor het ‘Materiële Vaste Activa’ lijnitem waarin deze Capex voor het fiscaal jaar 2025 is opgenomen. Bekaert Jaarverslag 2025 − 235 −
In de toekomst verwachten we een verdere decarbonisatie van het elektriciteitsnet tegen 2030 naarmate er meer hernieuwbare capaciteit beschikbaar wordt in de landen waar we actief zijn. Tegen 2030 willen we nog eens 590 000 ton CO2e-uitstoot verminderen via verschillende hefbomen. Ongeveer 57% van deze toekomstige inspanningen wordt afgedekt door al gedefinieerde acties. Om onze doelstelling voor 2030 te halen, hebben we in 2025 meer dan € 9 miljoen 6 uitgegeven en schatten we dat we de komende jaren meer dan € 40 miljoen aan cumulatieve capex zullen uitgeven (schatting exclusief extra inspanningen die momenteel een hoge mate van onzekerheid met zich meebrengen). Het overgrote deel van de in 2025 gespendeerde capex is opgenomen onder de gerapporteerde in aanmerking komende en gealigneerde Capex voor EU-Taxonomie op pagina 223. Op basis van de huidige hefbomen is er geen significante opex te rapporteren. ESRS E1-3 §29a, b, c, AR21
Hernieuwbare energie opwekken en investeren in hernieuwbare energiebronnen
Eén van onze katalysatoren om broeikasgasemissies te beperken is het gebruik van hernieuwbare elektriciteit, waar die beschikbaar is. In totaal was 40% van de elektriciteit die we in 2025 verbruikt hebben afkomstig van hernieuwbare bronnen. In België, India, Spanje, Roemenië, het VK en de VS is het elektriciteitsverbruik van Bekaert al grotendeels afkomstig van hernieuwbare energiebronnen. Voor het opwekken van hernieuwbare energie richten we ons op zonne- en windenergie. We zoeken voortdurend naar investeringsmogelijkheden in zonne- en windenergie. In 2022 hebben we wereldwijd het potentieel onderzocht van het opwekken van zonne-energie in al onze fabrieken, op basis van technische haalbaarheid en economische criteria. Op basis van deze analyse hebben we de afgelopen jaren geïnvesteerd in verschillende zonnepanelenparken in onze productievestigingen in Burgos (Spanje), Aalter (België), Hamme (België) en Jiangyin (China). In 2025 installeerden we zonnepanelen op onze site in Suzhou (China) met een totale capaciteit van 1 megawattpiek (MWp). We zijn bezig met het installeren van zonnepanelen op drie andere sites in Shenyang (China), Zwevegem (België) en Assemini (Italië) die in de eerste helft van 2026 operationeel zullen worden met een gezamenlijke capaciteit van bijna 16 MWp. We blijven de komende jaren op zoek gaan naar extra zonnepanelencapaciteit, in lijn met onze roadmap. Onze analyse wordt jaarlijks bijgewerkt. Gezien de aard van onze activiteiten is stroomopwekking in onze fabrieken niet voldoende om aan onze vraag te voldoen. Hoewel we er voortdurend naar streven om onze activiteiten energie-efficiënter te maken, zien we het ook als onze rol om bij te dragen aan de algemene vergroening van het elektriciteitsnet door te investeren in nieuwe activa die extra hernieuwbare capaciteit genereren. Hieronder volgt een overzicht van de deals die we hebben gesloten. In lijn met onze roadmap hebben we Bekaert Jaarverslag 2025 − 236 − plannen voor extra PPA's in de komende jaren.
| Hefboom | Beschrijving | Energieproductie (GWh/jaar) | Ton CO2e- vermindering per jaar(*) |
|---|---|---|---|
| Investeringen in on-site hernieuwbare energie | Windturbines in Zwevegem (België), geïnstalleerd in 2012 | 13 | 1 800 |
| Zonnepanelen op het dak in Aalter (België) geïnstalleerd in 2020 | 1 | 140 | |
| Zonnepanelenpark (op de grond gemonteerd) in Burgos (Spanje) geïnstalleerd in 2023 | 16 | 1 500 | |
| Zonnepanelen op het dak in Jiangyin (China) geïnstalleerd in 2024 | 29 | 17 000 | |
| Zonnepanelen op het dak in Hamme (België) geïnstalleerd in 2024 | 1 | 100 | |
| Zonnepanelen op het dak in Suzhou (China) geïnstalleerd in 2025 | 1 | 600 | |
| Toekomstig zonnepanelenpark (op het dak en op de grond gemonteerd) in België, naar verwachting operationeel in 2026 | 4 | 500 | |
| Toekomstig zonnepanelenpark (op de grond gemonteerd) in Italië, naar verwachting operationeel in 2026 | 11 | 2 350 | |
| Toekomstig zonnepanelenpark in China, naar verwachting operationeel in 2026 | 10 | 6 000 | |
| Off-site (virtueel) Purchase Agreements ((v)PPAs) | Kings Plain, VS (windmolenpark) geïnstalleerd in 2020 | 125 | 41 500 |
| P1&2, India (zonnepanelenpark) geïnstalleerd in 2021 | 54 | 40 400 | |
| P3, India (zonnepanelenpark) geïnstalleerd in 2023 | 14 | 10 500 | |
| Rockhound, VS (zonnepanelenpark) naar verwachting geïnstalleerd in 2026 | 75 | 24 900 | |
| Vifor, Roemenië (windmolenpark) naar verwachting geïnstalleerd in 2026 | 100 | 20 800 | |
| * Scope 2 marktgebaseerd |
Ontwikkelen en installeren van milieuvriendelijkere productieprocessen in onze fabrieken wereldwijd
We ontwikkelen en implementeren standaardoplossingen en -initiatieven met als doel het energieverbruik en de broeikasgasemissies te beperken. Het Bekaert Manufacturing System (BMS), een gevestigd transformatieprogramma gericht op productie-uitmuntendheid, voorziet in een lijst met richtlijnen en best practices rond energie- en uitstootbeperkende maatregelen. Zoals eerder aangegeven, analyseren wij verschillende opties om onze thermische energie (voornamelijk gas) tegen 2050 volledig koolstofvrij te maken. Eén initiatief betreft het onderzoeken van de mogelijkheid om onze warmtebehandelingsprocessen te elektrificeren via een proefproject dat we momenteel uitvoeren.
Focus op energieverbruik en preventie- en risicobeheer
Gezien onze ambitie om de koolstofvoetafdruk te beperken en het belang van energieconsumptie hierin, wordt onze energie-intensiteitsaanpak binnen het Bekaert Manufacturing System (BMS) verder opgekrikt via het 'You Know WATT'-programma.
You Know WATT
Sinds de lancering eind 2021 is You Know WATT het vlaggenschipprogramma van Bekaert op het gebied van energie-efficiëntie gebleven, waarmee we meetbare vooruitgang boeken richting onze langetermijnambities voor decarbonisatie. Het programma, dat is gebaseerd op twee pijlers, namelijk gerichte transformatiegolven en wereldwijd schaalbare technische oplossingen, ging 2025 in met een groeiend momentum en brede betrokkenheid binnen de hele organisatie. Aanvankelijk lag de focus op de 20 fabrieken met de hoogste uitstoot, maar na verloop van tijd heeft You Know WATT het toepassingsgebied uitgebreid naar andere locaties. Dit weerspiegelde zowel de volwassenheid van het programma als de mogelijkheid om de uitstootreducties te versnellen waar dat het meest nodig was. Ook in 2025 gingen nog meer fabrieken door met het implementeren van gestructureerde transformatiegolven. Functieoverschrijdende programma's focusten op het identificeren, prioriteren en implementeren van technisch en economisch haalbare maatregelen voor energiebesparing, waterbesparing en afvalvermindering, afgestemd op elke faciliteit, elk proces en elke activiteit.Deze golven zijn een effectieve motor voor verandering geworden, die lokaal eigenaarschap creëert en tegelijkertijd een uniforme aanpak van energieprestaties verankert in het wereldwijde productienetwerk van Bekaert. Bekaert Jaarverslag 2025 − 237 −
Tegen het einde van 2025 blijft het programma goede resultaten boeken, zoals blijkt uit de onderstaande tabel.
| KPI | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|---|
| Aantal deelnemende productiefabrieken | 1 | 6 | 9 | 5 | 3 |
| Aantal medewerkers die training gevolgd hebben | 530 | 5 988 | 4 241 | 2 590 | 222 |
| Aantal nieuwe energiebesparingsinitiatieven | 30 | 418 | 527 | 520 | 89 |
| Bijkomende nieuwe geïdentificeerde energiebesparingen (GWh) | 25 | 249 | 190 | 209 | 29 |
| Aantal geïmplementeerde energiebesparingsinitiatieven | 111 | 128 | 246 | 257 | 225 |
| CO2 e besparing (kt CO2e)* | 20 | 14 | 36 | 49 | 41 |
* Scope 1 en 2
Tegelijkertijd ontwikkelde het programma een reeks wereldwijde technische oplossingen die ontworpen zijn om op meerdere locaties reproduceerbare en kostenefficiënte resultaten te boeken wat betreft de impact op het energieverbruik. De belangrijkste aandachtsgebieden waren onder meer:
- Warmteterugwinning uit ovens, waarbij restwarmte wordt opgevangen en omgeleid voor upstream of downstream procesbehoeften, waardoor het gasverbruik daalt en de directe uitstoot afneemt.
- Vervangingsprogramma's voor motoren, waarbij motoren met een hoger rendement en frequentieregelaars worden ingezet om het elektriciteitsverbruik te verminderen en de algehele prestaties van de apparatuur te verbeteren.
- Procesomleiding en procesoptimalisatie, het heroverwegen van productiestromen en het gebruik van apparatuur om energieverliezen te minimaliseren, stilstandstijden te verminderen en de thermische en mechanische efficiëntie te verbeteren.
- Optimalisatie en vervanging van torsieschijven op bundelmachines om de wrijving te verminderen en uiteindelijk de efficiëntie van de machines te verbeteren.
In 2025 kon Bekaert dankzij de combinatie van locatiespecifieke golven en gestandaardiseerde technische oplossingen synergieën tussen lokale innovatie en wereldwijde best practices benutten. Het warmteterugwinningsproject is bijvoorbeeld operationeel geworden op meerdere productielijnen in verschillende locaties wat verder bijdraagt aan de wereldwijde emissiereductiedoelen van Bekaert.
You Know WATT blijft de cultuur van Bekaert op het gebied van energie-, water- en afvalbeheer versterken door datagestuurde besluitvorming aan te moedigen, samenwerking tussen engineeringteams wereldwijd te bevorderen en de implementatie van beproefde technologieën te versnellen. Door systematisch de kansen met de grootste impact binnen ons werkgebied aan te pakken, blijft het programma centraal staan in onze strategie om het energieverbruik te reduceren, de uitstoot te verminderen, water te besparen, afval te verminderen en een duurzamere, veerkrachtigere business op te bouwen.
Ontwikkeling en implementatie van emissiereducties in onze hele waardeketen
We werken nauw samen met belangrijke leveranciers om gezamenlijke initiatieven te ontwikkelen en door te voeren om Scope 3-uitstoot in onze hele toeleveringsketen te verminderen. Op basis van onze emissiegegevens voor 2019 is onze belangrijkste grondstof walsdraad verantwoordelijk voor meer dan 75% van onze totale scope 3-upstream CO2e-emissies. Daarom blijft dit domein een strategische prioriteit. Sinds de lancering van onze eerste duurzaamheidscampagne in 2021 hebben we leveranciers actief betrokken bij het verbeteren van de transparantie van gegevens en het stimuleren van decarbonisatie, wat essentieel is om toekomstige aankoopbeslissingen af te stemmen op onze klimaatdoelstellingen. In 2025 hebben we een belangrijke mijlpaal bereikt: 66% van onze walsdraadleveranciers levert nu directe, uitgebreide emissiegegevens, wat neerkomt op meer dan 70% van de upstream Scope 3-emissies die verband houden met walsdraad.
Naast grondstoffen streven we naar aanvullende Scope 3-reducties en in 2025 hebben we verschillende initiatieven gelanceerd met logistieke partners om de uitstoot in de waardeketen te verlagen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 238 −
Vermindering van transportuitstoot (Scope 3)
In samenwerking met een aantal van onze klanten zijn onze inkoop- en logistieke teams binnen de divisie Rubberversterking in China erin geslaagd om het vrachtvervoer over te schakelen van vrachtwagens op brandstof naar een combinatie van elektrische vrachtwagens, spoorvervoer en vervoer over water. Deze verschuiving resulteerde in een CO₂e-uitstootreductie van meer dan 50%.
In India lanceerden we onze eerste vloot LNG-aangedreven vrachtwagens, als onderdeel van onze samenwerking met een pionier op het gebied van LNG-aangedreven langeafstandsvervoer in de regio. Met dit initiatief verminderen we direct tot 30% CO₂e en 91% fijnstofuitstoot.
In april ontvingen onze entiteiten in Slovakije het DHL Go Green-certificaat voor hun bijdrage aan duurzamere transportoplossingen. Dankzij het gebruik van duurzame vliegtuigbrandstof werd in 2024 een CO₂e-uitstootreductie van 24% gerealiseerd.
Ook ons portfolio van duurzame oplossingen draagt bij aan het verlagen van onze upstream Scope 3- emissies, door het materiaalgebruik te verminderen met behoud van prestaties (dematerialisatie) of door gerecycleerde, herbruikbare of hernieuwbare materialen te gebruiken. Meer informatie over onze duurzame oplossingen is beschikbaar op pagina 238.
Overstap naar schonere energie en transformatie van elektriciteitsnetten
Naarmate de wereld overschakelt op schonere energie, is de transformatie van onze elektriciteitsnetten van cruciaal belang. Om hernieuwbare bronnen op grote schaal te integreren, moeten netwerken efficiënter en weerbaarder worden en fluctuerende energiestromen aankunnen. Deze verschuiving vraagt om innovatie en samenwerking in de hele energiesector, waartoe Bekaert actief bijdraagt via productaanbod en samenwerkingen.
Bekaert is aanvaard als lid van de Utilities for Net Zero Alliance
We zijn trots te kunnen meedelen dat Bekaert is aanvaard als lid van de Utilities for Net Zero Alliance (UNEZA), een internationaal platform dat gecoördineerd wordt door het International Renewable Energy Agency (IRENA). UNEZA brengt wereldwijde nutsbedrijven en leveranciers uit de energiesector samen om de overgang naar duurzame energiesystemen te stimuleren. Met onze expertise in geavanceerde geleiders met stalen kern bevindt Bekaert zich in een unieke positie om de missie van UNEZA te ondersteunen. Onze technologieën helpen:
- De efficiëntie van het net te verbeteren
- Energieverliezen te verminderen
- Een grotere integratie van hernieuwbare energie mogelijk te maken
- Weerbare infrastructuur te bouwen.
Als onderdeel van UNEZA kijken we ernaar uit om samen te werken met toonaangevende nutsbedrijven om de decarbonisatie in de energiesector vooruit te helpen.
Duurzame oplossingen
In 2025 hebben we ons portfolio van duurzame oplossingen uitgebreid met de introductie van ons inhera®-label. Dit label certificeert oplossingen die voldoen aan strenge duurzaamheidsvereisten en tegelijkertijd bewezen prestaties leveren. Ze vormen een belangrijke faciliterende factor voor schonere, koolstofarme resultaten in belangrijke eindmarkten. Het toont een samengesteld portfolio van oplossingen met een grote impact die zijn ontworpen om duurzamere vooruitgang te stimuleren. Elke oplossing voldoet aan toonaangevende industrienormen, zoals de EU-Taxonomieverordening, om een sterke naleving van milieunormen en geloofwaardigheid te garanderen.
De belangrijkste voordelen van inhera®-oplossingen zijn onder meer:
- Vermindering van de uitstoot van broeikasgassen: de inhera®-oplossingen zijn ontworpen met geavanceerde, energie-efficiënte processen waardoor de totale uitstoot aanzienlijk afneemt in vergelijking met de gangbare alternatieven. Door de efficiëntie van productie en toepassingen te optimaliseren, helpen ze belangrijke industrieën hun koolstofvoetafdruk te verkleinen.
- Schone eindmarkten mogelijk maken: inhera® ondersteunt de wereldwijde verschuiving naar schonere, Bekaert Jaarverslag 2025 − 239 − duurzamere markten en stimuleert de groei van hernieuwbare energie, groene waterstof en andere sectoren met een lage impact.
- Meer gerecycleerd materiaal: de oplossingen van inhera® zijn ontworpen met het oog op circulariteit en maken meer gebruik van gerecycleerde en duurzame materialen, waardoor de efficiëntie van hulpbronnen wordt gemaximaliseerd en de milieu-impact gedurende de hele levenscyclus van het product wordt verminderd.
Eind 2025 hebben al 7 Bekaert-producten het inhera®-duurzaamheidslabel ontvangen.
- Flexisteel®: onze oplossing om duurzamere liften te bouwen
- Elyta®: onze volgende generatie bandenversterking
- Stalen kernen met hoge treksterkte voor bovengrondse elektriciteitsleidingen
- Bezinal® Vineyard Plus-draad
- Bezinox® Niet-magnetische pantserdraad voor onderzeese stroomkabels
- Onze volgende generatie slangendraadversterking
- Onze oplossingen voor onderzeese kabelbewapeningsdraad
We verwijzen naar de rubriek EU-Taxonomie op pagina 216 voor meer informatie over onze in aanmerking komende en gealigneerde inkomsten, capex en opex, die onze roadmap voor duurzame activiteiten en oplossingen ondersteunen.
In bandenversterking hebben we onze leidende positie in de sector behouden door ons portfolio van Super-Tensile (ST), Ultra-Tensile (UT) en Mega-Tensile (MT) staalkoord uit te breiden, verder versterkt door Elyta® – ons assortiment innovatieve, inhera®-gelabelde oplossingen voor koolstofarme, hoogwaardige bandenversterking. We hebben ook tastbare vooruitgang geboekt bij het behalen van een hoog percentage gerecycleerde materialen in ons ST/UT-portfolio, zodat prestaties, dematerialisering en gerecycleerde materialen hand in hand gaan zonder compromissen.UT/MT-staalkoord van Bekaert wint Green Point China – Duurzame case van het jaar
Onze Ultra en Mega Tensile-oplossingen hebben de 2025 China Green Point Award gewonnen, als erkenning voor hun bijdrage aan de transitie naar een koolstofarme bandenindustrie. Ultra en Mega Tensile-versterking maakt lichtere, sterkere banden mogelijk met minder staalgebruik, lagere rolweerstand en meer circulariteit door het gebruik van staal met een hoog gehalte aan gerecycleerd materiaal. Voor miljoenen banden vertaalt deze innovatie zich in aanzienlijke besparingen op grondstoffen, verbeterde efficiëntie en minder CO2e-uitstoot. Met meer dan 70 jaar ervaring in bandenversterking is Bekaert de pionier in Ultra en Mega Tensile- technologie, waardoor toonaangevende bandenproducenten wereldwijd hoogwaardige banden met lage koolstofuitstoot kunnen ontwerpen en zo de transitie naar groenere mobiliteit versnellen.
Bekaert is er trots op een actieve partner te zijn in het ECO2Fuel-project, een baanbrekend initiatief met als doel klimaatverandering aan te pakken en de inspanningen op het gebied van decarbonisatie te bevorderen. Door te focussen op koolstofafvang en -gebruik (CCU) wil het project synthetische brandstoffen produceren uit afgevangen CO2, waardoor een circulaire economie ontstaat. Deze aanpak vermindert de uitstoot van emissies en vormt een aanvulling op hernieuwbare energiebronnen. Het ECO2Fuel-project is belangrijk voor industrieën die moeilijk te decarboniseren zijn, zoals de cement- en staalindustrie. Door gebruik te maken van de expertise van Bekaert in poreuze transportlagen (PTL's) gebruikt het project deze hoogwaardige component om de efficiëntie van zijn CO2-elektrolysesysteem van 50 kW te verhogen.
ESRS E1-3 §29 a, b, c, AR21
7 Fluorkoolwaterstoffen: synthetische organische verbindingen die fluor- en waterstofatomen bevatten.
8 We zullen onze ambities en doelen evalueren als onderdeel van onze volgende strategische planningscyclus. We verwijzen naar de laatste paragraaf van rubriek SBM-1.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 240 −
Onze doelen inzake klimaatverandering (E1-4)
Bekaert heeft doelen voor klimaatveranderingen vastgelegd in lijn met het Greenhouse Gas (GHG) Protocol zoals gedefinieerd door het World Resources Institute (WRI). We hebben de volgende wetenschappelijk onderbouwde doelen gesteld, gevalideerd door het Science-Based Targets-initiatief (SBTi) om onze uitstoot aanzienlijk te verminderen:
- Absoluut scope 1- (directe emissies van bronnen die we in eigendom hebben of beheren) en marktgebaseerd scope 2-doel (indirecte emissies van aangekochte elektriciteit, verwarming en koeling): we streven ernaar onze gecombineerde absolute emissies tegen 2030 met 46,2% te verminderen ten opzichte van het referentiejaar 2019. Dit doel is in lijn met de doelstelling van 1,5 °C die is vastgelegd in het Akkoord van Parijs van 2015.
- Absoluut scope 3 (categorie 1 aangekochte goederen en diensten) doel: we streven ernaar om de scope 3-uitstoot van aangekochte goederen en diensten tegen 2035 met 19,7 % te verminderen ten opzichte van het referentiejaar 2019. Dit doel is afgestemd op een traject van 2 °C.
Naast de op SBTi afgestemde doelen streven we ernaar een net zero koolstofuitstoot te bereiken tegen 2050. In overeenstemming met de wetenschappelijk onderbouwde doelstellingen zijn onze doelen absoluut en gebaseerd op klimaatwetenschap, ongeacht toekomstige ontwikkelingen zoals veranderingen in verkoopvolumes of regelgevende factoren. Onze data over broeikasgasemissies en reductiedoelen hebben betrekking op emissies van CO2-equivalenten. De betreffende broeikasgassen voor Bekaert zijn CO2, CH4, N2O en HFK's 7, waarbij de uitstoot van alle andere broeikasgassen nul is.
Met deze doelen, in overeenstemming met ons beleid inzake energie en klimaatverandering, denken wij verder dan morgen, maken we verbetering mogelijk door innovatie en baseren wij onze initiatieven op de nieuwste wetenschappelijke inzichten die bijdragen tot een duurzame toekomst op langere termijn. De hefbomen die we gebruiken om onze uitstoot te verminderen zijn in detail beschreven in de vorige rubrieken en hun impact is hieronder samengevat.
In 2025 daalden de gezamenlijke scope 1- en marktgebaseerde scope 2-broeikasgasemissies van Bekaert met 23% ten opzichte van 2019, wat betekent dat we op schema zitten om ons doel van -46,2% tegen 2030 ten opzichte van de baseline te bereiken. Onze scope 3-broeikasgasemissies van aangekochte producten en diensten daalden met 11% in 2025 ten opzichte van 2019.
Het behalen van onze doelen 8 is afhankelijk van verschillende kritieke factoren waar we geen directe invloed op hebben, zoals de geopolitieke en economische context, technologische vooruitgang, een meer gediversifieerde en betaalbare energiemix, beschikbaarheid en kwaliteit van staal uit productieprocessen met een lage koolstofuitstoot tegen competitieve prijzen, een grotere marktvraag naar duurzame oplossingen, veranderend gedrag van klanten en ondersteunend leiderschap van de overheid en effectief beleid.
| Basisjaar (2019) | 2030 doel | 2035 doel | |
|---|---|---|---|
| BKG emissies Scope 1+2 (tCO2e) | 1 650 627 | 888 037 | n.a. |
| BKG emissies Scope 3 Gekochte goederen & diensten (tCO2e) | 5 077 121 | n.a. | 4 076 928 |
ESRS E1-4 §33, 34
9 Ember is een wereldwijde denktank op het gebied van energie die de transitie naar schone energie wil versnellen met data en beleidsvoering. Hij biedt open data over elektriciteitsopwekking, energie-emissiefactoren en prijzen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 241 −
Energieverbruik en energiemix (E1-5)
Energieverbruik en energiemix (in MWh)
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| Brandstofverbruik uit kolen en kolenproducten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Brandstofverbruik uit ruwe olie en petroleumproducten* | 172 324 | 89 443 | 93 234 | 87 783 |
| Brandstofverbruik uit aardgas | 1 324 556 | 1 213 619 | 1 195 657 | 1 178 517 |
| Brandstofverbruik uit andere fossiele bronnen* | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Verbruik ingekochte of verworven elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit fossiele bronnen | 1 781 263 | 1 483 719 | 1 352 511 | 1 329 559 |
| Totaal verbruik fossiele energie | 3 278 143 | 2 786 781 | 2 641 402 | 2 595 859 |
| Aandeel fossiele bronnen in totale energieverbruik (%) | 73% | 70% | 68% | 68% |
| Totaal verbruik uit nucleaire bronnen | 174 120 | 267 130 | 240 467 | 237 884 |
| Aandeel verbruik uit nucleaire bronnen in totale energieverbruik (%) | 4% | 7% | 6% | 6% |
| Brandstofverbruik uit hernieuwbare bronnen, incl. biomassa (ook industrieel en gemeentelijk afval van biologische oorsprong, biogas, waterstof uit hernieuwbare bronnen) | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Verbruik ingekochte of verworven elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit hernieuwbare bronnen | 1 015 491 | 918 076 | 979 708 | 923 672 |
| Verbruik zelfopgewekte hernieuwbare energie uit andere bronnen dan brandstof (non-fuel) | 13 791 | 19 877 | 33 083 | 50 445 |
| Totaal verbruik hernieuwbare energie | 1 029 282 | 937 953 | 1 012 791 | 974 117 |
| Aandeel hernieuwbare bronnen in totale energieverbruik (%) | 23% | 23% | 26% | 26% |
| Totale energieverbruik | 4 481 545 | 3 991 864 | 3 894 661 | 3 807 860 |
Totale energieproductie (in MWh)
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| Niet-hernieuwbare energieproductie | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Hernieuwbare energieproductie | 13 791 | 19 877 | 33 083 | 50 445 |
*Brandstof gebruikt in onze activiteiten en door bedrijfswagens (voorheen gerapporteerd onder 'Brandstofverbruik uit overige fossiele bronnen') is nu opgenomen onder 'Brandstofverbruik uit ruwe olie en aardolieproducten' om beter aan te sluiten bij de ESRS- categorieën.
Bepaalde cijfers voor de laatste maanden van het jaar 2025 werden geschat (<5%) omdat we sommige energiefacturen met vertraging ontvangen. De gepubliceerde 2025 energie en CO2e data is gebaseerd op alle energiefacturen die beschikbaar waren tot en met 21 januari 2026. Ook energieprestatie-indicatoren van vorige jaren weren geactualiseerd op basis van energiefacturen die na de cut-off datum van vorig jaar beschikbaar geworden zijn.
In het kader van ons engagement om de uitstoot van broeikasgassen (GHG) te verminderen, hebben we belangrijke contractuele elementen geïntegreerd om transparantie, verantwoordelijkheid en verifieerbare reducties van broeikasgasemissies te garanderen. In 2025 was 12,1% van de aangekochte elektriciteit afkomstig van contractuele elementen zoals opwekking PPAs op eigen site, offsite (v)PPA's en groene tarieven. Wij maken geen gebruik van niet-gebundelde certificaten voor hernieuwbare energie. Alle activiteiten van Bekaert zijn geclassificeerd als sectoren met een grote impact op het klimaat, aangezien onze activiteiten behoren tot sector 'C Productie' van Bijlage I van Verordening (EG) nr. 1893/2006.
ESRS E1-5 §37-38, AR34
Hernieuwbare elektriciteit: 40% van onze elektriciteitsbehoefte kwam in 2025 uit hernieuwbare energiebronnen.
Onze methodologie voor het berekenen van het percentage van de elektriciteitsbehoefte uit hernieuwbare bronnen omvat verschillende stappen. Met ons datamodel kunnen we de hernieuwbare elektriciteit identificeren die ter plaatse wordt opgewekt en verbruikt en onze hernieuwbare elektriciteit die afkomstig is van (v)PPA's en groene tarieven. Het resterende elektrische verbruik is afkomstig van het elektriciteitsnet. We schatten de hoeveelheid hernieuwbare elektriciteit in de elektriciteit die afkomstig is van het elektriciteitsnet op basis van gemiddelde landspecifieke cijfers die zijn gepubliceerd door de open source data van 'Ember' 9.
Om het energieverbruik (en de CO2e-uitstoot) van brandstof in te schatten, baseren we ons op geschatte waarden. Deze zijn gebaseerd op gedetailleerde facturen van een representatieve Bekaert-fabriek in 2022–2025. De gegevens van deze fabriek worden geëxtrapoleerd naar alle andere fabrieken en naar de jaren vóór 2022, gewogen op basis van het energieverbruik in elke fabriek in het overeenkomstige jaar.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 242 −
De energie- en CO2e-data omvatten alle productievestigingen van Bekaert, het hoofdkantoor en het technologiecentrum in België en de bedrijfswagens. Ze omvatten niet de kleine kantoren en magazijnen van Bekaert.Totale energieproductie (in MWh)
| | 2019 | 2023 | 2024 | 2025 |
| :--- | ---: | ---: | ---: | ---: |
| Niet-hernieuwbare energieproductie | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Hernieuwbare energieproductie | 13 791 | 19 877 | 33 083 | 50 445 |
Energie-intensiteit in MWh per netto omzet (mln €)
| | 2019 | 2023 | 2024 | 2025 |
| :--- | ---: | ---: | ---: | ---: |
| Totaal energieverbruik van activiteiten in sectoren met een grote klimaatimpact per netto-opbrengst van activiteiten in sectoren met een grote klimaatimpact | 1 167 | 922 | 984 | 1 028 |
Energie-intensiteit in MWh per netto omzet (mln €)
| | 2019 | 2023 | 2024 | 2025 |
| :--- | ---: | ---: | ---: | ---: |
| Totale energie-intensiteit van fossiele bronnen | 854 | 644 | 667 | 700 |
| Totale energie-intensiteit van nucleaire bronnen | 45 | 62 | 61 | 64 |
| Totale energie-intensiteit van hernieuwbare energie bronnen | 268 | 217 | 256 | 263 |
| Totale energie-intensiteit | 1 167 | 922 | 984 | 1 028 |
% van elektriciteitsnoden uit hernieuwbare bronnen
| | 2023 | 2024 | 2025 |
| :--- | ---: | ---: | ---: |
| | 37% | 41% | 40% |
ESRS E1-5 §37, 39, 40 Bekaert Jaarverslag 2025 − 243 −
Actueel energieverbruik in GWh per belangrijke bedrijfslocatie (> 1000 medewerkers: eigen personeel)
| | 2019 | 2023 | 2024 | 2025 |
| :--- | ---: | ---: | ---: | ---: |
| België | 248 | 187 | 178 | 166 |
| Elektriciteit | 84 | 61 | 61 | 54 |
| Aardgas & LPG | 148 | 112 | 105 | 98 |
| Aangekochte hitte en stoom | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Brandstof | 16 | 13 | 12 | 14 |
| China | 1 850 | 1 701 | 1 625 | 1 627 |
| Elektriciteit | 122 | 115 | 109 | 112 |
| Aardgas & LPG | 414 | 358 | 356 | 362 |
| Aangekochte hitte en stoom | 208 | 188 | 178 | 141 |
| Brandstof | 6 | 7 | 6 | 6 |
| India | 137 | 177 | 183 | 194 |
| Elektriciteit | 112 | 144 | 148 | 151 |
| Aardgas & LPG | 24 | 32 | 34 | 42 |
| Aangekochte hitte en stoom | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Brandstof | 0 | 1 | 1 | 1 |
| Indonesië | 304 | 268 | 247 | 258 |
| Elektriciteit | 213 | 187 | 187 | 193 |
| Aardgas & LPG | 91 | 80 | 59 | 64 |
| Aangekochte hitte en stoom | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Brandstof | 1 | 1 | 1 | 1 |
| Slovakije | 444 | 395 | 390 | 360 |
| Elektriciteit | 226 | 188 | 182 | 169 |
| Aardgas & LPG | 216 | 206 | 206 | 189 |
| Aangekochte hitte en stoom | 1 | 0 | 0 | 0 |
| Brandstof | 1 | 2 | 2 | 1 |
| VS | 475 | 349 | 338 | 346 |
| Elektriciteit | 242 | 176 | 166 | 168 |
| Aardgas & LPG | 231 | 171 | 171 | 176 |
| Aangekochte hitte en stoom | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Brandstof | 1 | 1 | 1 | 1 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 244 −
Bruto scope 1-, 2-, 3-emissies en totale broeikasgasemissies (E1-6)
Basisjaar 2019
| Vergelijkende informatie | 2025 | %N/N-1 | |
|---|---|---|---|
| Scope 1-emissies | |||
| Bruto scope 1-emissies (ton CO2 -e) | 291 248 | 247 835 | 98% |
| Percentage scope 1-emissies van gereglementeerde emissiehandelssystemen (%) | 0 | 0 | 0% |
| Scope 2-emissies | |||
| Bruto locatiegebaseerde scope 2-emissies (ton CO2-e) | 1 414 023 | 1 075 346 | 99% |
| Bruto marktgebaseerde scope 2-emissies (ton CO2-e) | 1 359 379 | 1 027 860 | 100% |
| Significante scope 3-emissies | |||
| Totaal bruto indirecte (scope 3) emissies (ton CO2-e) | 6 053 364 | 5 418 848 | 97% |
| 1 Gekochte goederen en diensten | 5 077 121 | 4 518 323 | 97% |
| 2 Kapitaalgoederen | 55 749 | 120 674 | 101% |
| 3 Brandstof- en energieactiviteiten (niet opgenomen in scope 1 of scope 2) | 417 885 | 295 091 | 94% |
| 4 Upstreamvervoer en -distributie | 113 768 | 118 729 | 86% |
| 5 Afval geproduceerd bij activiteiten | 27 573 | 29 136 | 114% |
| 6 Zakelijk reisverkeer | 2 740 | 3 934 | 62% |
| 7 Woon-werkverkeer werknemers | 17 354 | 14 023 | 92% |
| 8 Upstream geleasede activa | 0 | 0 | |
| 9 Downstreamvervoer | 47 230 | 106 994 | 97% |
| 10 Verwerking verkochte producten | 190 185 | 119 300 | 99% |
| 11 Gebruik verkochte producten | 61 469 | 61 469 | 100% |
| 12 End-of-life-verwerking verkochte producten | 4 686 | 3 632 | 99% |
| 13 Downstream geleasede activa | 0 | 0 | |
| 14 Franchises | 0 | 0 | |
| 15 Investeringen | 37 604 | 27 542 | 95% |
| Totale broeikasgasemissies | |||
| Totale broeikasgasemissies (locatiegebaseerd) (ton CO2-e) | 7 758 635 | 6 737 850 | 97% |
| Totale broeikasgasemissies (marktgebaseerd) (ton CO2-e) | 7 703 991 | 6 690 364 | 97% |
ESRS E1-6 §44
Doelen en mijlpalen in ton CO2 e
| 2019 (basisjaar) | 2030 | 2035 | %doel/ basisjaar | |
|---|---|---|---|---|
| Scope 1 + marktgebaseerde Scope 2 | 1 650 627 | 888 037 | 46,2% | |
| Scope 3 Gekochte goederen en diensten | 5 077 121 | 4 076 928 | 19,7% |
ESRS E1-6 §52
Totale Scope 1 & 2 BKG emissies in ton CO2e
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| Scope 1 & locatiegebaseerde scope 2 BKG emissies | 1 705 271 | 1 425 468 | 1 335 240 | 1 319 002 |
| Scope 1 & marktgebaseerde scope 2 BKG emissies | 1 650 627 | 1 385 562 | 1 277 124 | 1 271 516 |
ESRS E1-6 §44
Onze scope 1- en 2-broeikasgasemissies waren 23% lager dan ons referentiebasisjaar 2019. Onze scope 1- en marktgebaseerde 2-broeikasgasemissies waren 23% lager dan ons referentiebasisjaar 2019, waarmee we verdere vooruitgang boeken naar ons doel toe.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 245 −
Totale Scope 1 & 2 BKG intensiteitsratio in ton CO2e/netto omzet (mln €)
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| Totale BKG intensiteitsratio locatie gebaseerd | 444 | 329 | 337 | 356 |
| Total BKG intensiteitsratio markt gebaseerd | 430 | 320 | 323 | 343 |
ESRS E1-6 §53
Scope 1
Scope 1-emissies zijn directe broeikasgasemissies die gelinkt zijn aan onze operaties.
Scope 1 BKG emissie aardgas, LPG, andere BKG emissie en brandstof (in ton CO2e)
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| BKG emissies aardgas & LPG | 274 291 | 234 872 | 232 966 | 228 583 |
| BKG emissies aardgas | 243 520 | 222 007 | 218 686 | 215 622 |
| BKG emissies LPG | 30 772 | 12 865 | 14 280 | 12 961 |
| Andere BKG emissies | 9 668 | 8 355 | 8 152 | 8 180 |
| BKG emissies brandstof | 7 288 | 7 423 | 6 717 | 6 893 |
Scope 1 BKG intensiteitsratio in ton CO2e/netto omzet (mln €)
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| BKG intensiteitsratio aardgas & LPG | 71 | 54 | 59 | 62 |
| Andere BKG intensiteitsratio | 3 | 2 | 2 | 2 |
| BKG intensiteitsratio brandstof | 2 | 2 | 2 | 2 |
Globale Scope 1 emissies van aardgas, LPG, andere BKG emissies en brandstof in ton CO2e per belangrijke locatie (> 1000 medewerkers: eigen personeel)
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| België | 40 749 | 32 221 | 30 459 | 29 580 |
| China | 77 483 | 67 336 | 66 705 | 67 778 |
| India | 5 364 | 7 054 | 7 420 | 8 765 |
| Indonesië | 19 709 | 14 949 | 10 995 | 11 890 |
| Slovakije | 40 104 | 38 055 | 38 085 | 35 003 |
| VS | 42 865 | 31 714 | 31 644 | 32 536 |
Global Scope 1 emissies van aardgas, LPG, andere BKG emissies en brandstof in ton CO2e per divisie
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| Rubberversterking | 155 756 | 134 976 | 132 217 | 133 482 |
| Staaldraadtoepassingen | 103 338 | 90 147 | 89 048 | 84 994 |
| Bridon-Bekaert Ropes Group | 16 588 | 12 753 | 14 232 | 12 350 |
| Speciality Businesses | 712 | 618 | 658 | 717 |
| Corporate | 14 854 | 12 156 | 11 679 | 12 113 |
We vallen niet onder een gereguleerd emissiehandelssysteem (ETS). Daarom zijn er geen scope 1- broeikasgasemissies van gereguleerde ETS. We stoten geen biogene emissies uit.
E1-6 §48 a, b, §53, AR41 Bekaert Jaarverslag 2025 − 246 −
Scope 2
Scope 2 emissies zijn indirecte emissies van aangekochte elektriciteit, stoom en hitte, die worden berekend op basis van data over energieverbruik en landspecifieke conversiefactoren zoals voorgeschreven door ‘International Energy Agency’.
Scope 2 BKG emissies van aangekochte electriciteit en andere types van energie in ton CO2e
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| Locatiegebaseerd | 1 414 023 | 1 174 818 | 1 087 405 | 1 075 346 |
| Elektrische energie (inclusief koeling) | 1 361 163 | 1 130 030 | 1 044 631 | 1 040 571 |
| Thermische energie aangekochte hitte | 5 163 | 4 301 | 4 533 | 4 326 |
| Thermische energie aangekochte stoom | 47 697 | 40 487 | 38 241 | 30 449 |
| Marktgebaseerd | 1 359 379 | 1 134 912 | 1 029 290 | 1 027 860 |
| Elektrische energie (inclusief koeling) | 1 310 246 | 1 093 491 | 989 924 | 996 424 |
| Thermische energie aangekochte hitte | 1 436 | 935 | 1 125 | 987 |
| Thermische energie aangekochte stoom | 47 697 | 40 487 | 38 241 | 30 449 |
Scope 2 BKG (marktgebaseerd) intensiteitsratio in ton CO2e/netto omzet (mln €)
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| Elektrische energie (inclusief koeling) | 341 | 253 | 250 | 269 |
| Thermische energie aangekochte hitte | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Thermische energie aangekochte stoom | 12 | 9 | 10 | 8 |
Globale Scope 2 emissies in ton CO2e (marktgebaseerd) per belangrijke locatie (> 1000 medewerkers: eigen personeel)
| 2 019 | 2 023 | 2 024 | 2 025 | |
|---|---|---|---|---|
| België | 290 6 | 6 607 | 6 960 | 6 056 |
| China | 809 840 | 720 235 | 647 234 | 644 390 |
| India | 80 457 | 53 723 | 54 757 | 52 996 |
| Indonesië | 164 578 | 141 639 | 141 940 | 146 288 |
| Slovakije | 163 18 | 325 | 11 739 | 10 888 |
| VS | 92 955 | 21 871 | 20 189 | 27 398 |
Globale Scope 2 emissies (marktgebaseerd) in ton CO2e per business unit
| 2019 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|
| Rubberversterking | 1 238 129 | 999 254 | 904 887 | 916 293 |
| Staaldraadtoepassingen | 71 463 | 78 260 | 73 114 | 66 883 |
| Bridon-Bekaert Ropes Group | 17 587 | 19 100 | 16 107 | 15 341 |
| Speciality Businesses | 31 057 | 37 187 | 34 131 | 28 513 |
| Corporate | 1 144 | 1 111 | 1 050 | 831 |
ESRS E1-6 §49a, b, §53, AR41
Scope 1 en 2 berekeningsmethode
Onze methode om CO2e-gerelateerde cijfers te berekenen (zoals absolute CO2e-uitstoot en CO2e- intensiteit) is ontwikkeld volgens het BKG-protocol. Om scope 1-emissies van aardgas, lpg en brandstof te berekenen, gebruiken we de emissiefactoren die jaarlijks door het 'Department for Environment, Food & Rural Affairs' van het Verenigd Koninkrijk (DEFRA) worden gepubliceerd en we passen onze data aan op het moment dat de aangepaste emissiefactoren over voorbije jaren beschikbaar zijn. Om scope 2-emissies van aangekochte stoom en warmte te berekenen, leiden we de emissiefactor af van die voor aardgas, terwijl we voor elektriciteit de emissiefactoren toepassen die jaarlijks door het IEA worden gepubliceerd. Deze factoren worden jaarlijks herzien en worden met een vertraging van 2,5 jaar gepubliceerd. Er zijn bruto calorische waarden voor gas, lpg en brandstof gehanteerd in overeenstemming met de richtlijnen voor uitstootfactoren voor de door ons gebruikte gassen en brandstoffen. Elk jaar werken we de waarden voor scope 1 en 2 bij op basis van de laatst beschikbare uitstootfactoren, wat kan leiden tot wijzigingen in de gerapporteerde cijfers na de eerste publicatie.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 247 −
We hebben twee verschillende methodes ontwikkeld om onze CO2e-gerelateerde cijfers voor scope 2 te berekenen: de marktgebaseerde methode en de locatiegebaseerde methode.
* Marktgebaseerde methode: de gerapporteerde scope 2-emissies van elektriciteit worden berekend op basis van de elektriciteit van het net (met behulp van de IEA-emissiefactor aangezien residuele mix niet in alle landen beschikbaar is) en groene elektriciteit, zelf opgewekt of ingekocht via (v) PPA's, die geacht worden een emissiefactor van nul te hebben. We hebben besloten om nog geen residuele mixfactoren toe te passen, omdat uit onze analyse blijkt dat dit, gezien hun huidige geografische dekking en verschillende methodologieën, zou leiden tot ongelijke aanpassingen van gezamenlijke scope 1- en marktgebaseerde scope 2-uitstoot over de jaren heen.Uit interne beoordelingen blijkt dat dit de gezamenlijke scope 1- en marktgebaseerde scope 2-uitstoot voor 2025 met meer dan 5% zou kunnen beïnvloeden.
- Locatiegebaseerde methode: de gerapporteerde scope 2-emissies van elektriciteit worden berekend op basis van de elektriciteit van het net (met behulp van de IEA-emissiefactor) en groene zelfopgewekte elektriciteit van een derde partij. Bij deze methode wordt geen rekening gehouden met de contractuele overeenkomsten voor hernieuwbare energie.
Bekaert heeft weet van een ander type broeikasgasemissies dan $\text{CO}_2$: HFK-lekkages van koelvloeistof (gebruikt in koelmachines), die zijn toegevoegd aan scope 1 op basis van een intern onderzoek naar koelmachines. De kwantificering van BKG'en is onderhevig aan inherente onzekerheid te wijten aan onvolledige wetenschappelijke kennis om exacte emissiefactoren te bepalen. Bij de berekening van de intensiteitsratio's hebben we het totale omzetbedrag (zoals vermeld in het Financieel Overzicht op pagina 90) als noemer gebruikt. ESRS E1-6 AR39, §55, AR55
Scope 3
Scope 3-emissies zijn de indirecte emissies (niet opgenomen in scope 2) die plaatsvinden in onze waardeketen, waaronder zowel upstream- als downstreamemissies.
| Scope 3 emissies in ton $\text{CO}_2\text{e}$ | 20191 | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|
| 1 Gekochte goederen en diensten | 5 077 121 | 4 757 618 | 4 667 381 | 4 518 323 |
| 2 Kapitaalgoederen | 55 749 | 117 814 | 118 953 | 120 674 |
| 3 Brandstof- en energieactiviteiten (niet opgenomen in scope 1 of scope 2) | 417 885 | 343 781 | 312 695 | 295 091 |
| 4 Upstreamvervoer en -distributie | 113 768 | 132 287 | 138 343 | 118 729 |
| 5 Afval geproduceerd bij activiteiten | 27 573 | 24 963 | 25 570 | 29 136 |
| 6 Zakelijk reisverkeer | 2 740 | 5 500 | 6 346 | 3 934 |
| 7 Woon-werkverkeer werknemers | 17 354 | 15 430 | 15 227 | 14 023 |
| 8 Upstream geleasede activa | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 9 Downstreamvervoer2 | 47 230 | 101 601 | 110 418 | 106 994 |
| 10 Verwerking verkochte producten | 190 185 | 165 988 | 120 448 | 119 300 |
| 11 Gebruik verkochte producten | 61 469 | 61 469 | 61 469 | 61 469 |
| 12 End-of-life-verwerking verkochte producten | 4 686 | 3 739 | 3 666 | 3 632 |
| 13 Downstream geleasede activa | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 14 Franchises | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 15 Investeringen | 37 604 | 27 874 | 29 094 | 27 542 |
| Totale Scope 3 emissies | 6 053 364 | 5 758 064 | 5 609 609 | 5 418 848 |
1 2019 is het referentiejaar voor SBTi-berekening
2 Ons toepassingsgebied voor de berekening van de emissies van transport is de afgelopen jaren uitgebreid, wat de stijging verklaart. ESRS E1-6 §51
Aangekochte goederen
In 2025 daalden onze scope 3-broeikasgasemissies van aangekochte producten en diensten met 11% ten opzichte van 2019 en 3% ten opzichte van 2024, waarmee we verdere vooruitgang boeken naar ons doel toe. Onze scope 3-broeikasgasemissies van aangekochte walsdraad waren 13% lager in 2025 ten opzichte Bekaert Jaarverslag 2025 − 248 − van 2019 en 2% lager dan in 2024.
| Scope 3 emissies van gekochte goederen (in ton $\text{CO}_2\text{e}$) | 20191 | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|
| Scope 3 emissies van gekochte walsdraad2 | 4 585 491 | 4 119 862 | 4 097 991 | 4 000 678 |
| Scope 3 emissies van andere gekoche goederen3 | 491 630 | 637 756 | 569 390 | 517 645 |
1 2019 is het referentiejaar voor SBTi-berekening
2 Berekeningsmethode: gebaseerd op ton aangekochte walsdraad en gemiddelde $\text{tCO}_2\text{e}/\text{t}$ staaldata verkregen via leverancier of gebaseerd op CRU dataset indien geen leveranciersdata beschikbaar zijn.
3 Berekening gebaseerd op emissiefactoren verwant aan uitgaven via de World Input Output Database (WIOD).
Bijgevolg weerspiegelen deze ramingen niet noodzakelijk werkelijke veranderingen in emissies. In de toekomst willen we verbeterde methodologieën onderzoeken die beter de actuele situatie weergeven (zie hierboven voor meer informatie).
Scope 3 berekeningsmethode:
- Methodologie ontwikkeld met verwijzing naar het BKG-protocol.
- Instrumenten voor de raming van scope 3-emissies geven over het algemeen informatie over $\text{CO}_2$-equivalenten ($\text{CO}_2\text{e}$).
- De kwantificering van broeikasgasemissies is onderhevig aan een inherente onzekerheid vanwege de onvolledige wetenschappelijke en methodologische kennis die wordt gebruikt om emissiefactoren te bepalen en de waarden die nodig zijn om de emissies van verschillende gassen te combineren.
- In 2025 was 58% van onze totale scope 3-broeikasgasemissies gebaseerd op primaire gegevens die rechtstreeks van onze leveranciers of andere waardeketenpartners zijn verzameld. Voor nog eens 12% van onze totale scope 3-broeikasgasemissies ontvingen we gedeeltelijke gegevens van onze leveranciers.
- Aangekochte goederen en diensten: berekening op basis van ton walsdraad die werd aangekocht en $\text{tCO}_2\text{e}/\text{t}$ staalgegevens aan de hand van primaire gegevens van leveranciers. De overige aangekochte goederen en diensten worden berekend met aangepaste uitstootfactoren uit de World Input Output Database (WIOD).
- Kapitaalgoederen: berekening uitgevoerd met behulp van de uitstootfactoren uit EcoInvent 3.11.1 op basis van capex-uitgaven aan materiële vaste activa (werkelijke cijfers eerste drie kwartalen 2025 en schattingen voor het 4e kwartaal), opgesplitst met behulp van de uitstootfactor voor machines (66,7%) en elektrische apparatuur (33,3%).
- Brandstof- en energiegerelateerde activiteiten (niet opgenomen in scope 1 of 2): berekening uitgevoerd met behulp van de uitstootfactoren uit EcoInvent 3.11.1 op basis van scope 1- en scope 2-emissies. De upstream $\text{CO}_2\text{e}$-uitstoot voor onze aangekochte elektriciteit wordt berekend met behulp van de Life Cycle Upstream Emissions Factors van het IEA.
- Upstream transport en distributie: berekening uitgevoerd met behulp van de uitstootfactoren uit EcoInvent 3.11.1, op basis van het aantal ton dat door leveranciers naar Bekaert-vestigingen wordt vervoerd.
- Afval dat vrijkomt tijdens productieprocessen: berekening uitgevoerd met behulp van de uitstootfactoren uit EcoInvent 3.11.1, op basis van geproduceerd afval.
- Zakenreizen: enkel de emissies van vliegreizen – de emissies van bedrijfswagens/bussen zijn opgenomen in scope 1-emissies. Gegevens verstrekt door Egencia en C-Trip, gebaseerd op reizen ondernomen door Bekaert-medewerkers.
- Woon-werkverkeer medewerkers: berekening uitgevoerd met behulp van de emissiefactoren uit EcoInvent 3.11.1, gebaseerd op aantal eigen medewerkers (medewerkers op de payroll en medewerkers die niet op de payroll staan).
- Upstream geleasede activa: geen in Bekaert.
- Downstream transport en distributie: berekening op basis van zee-, lucht-, en wegtransport. Voor zeevracht zijn de emissies gebaseerd op de MSC-koolstofcalculator. Verscheepte volumes worden beschouwd als bruto ton verscheept, afstanden zijn van haven tot haven, en emissiefactoren zijn afkomstig van de MSC-calculator. Voor vrachtvervoer over de weg is de toegepaste methodologie in overeenstemming met het GLEC-kader en wordt gebruik gemaakt van Transporeon Carbon Visibility, met een combinatie van berekeningsmethoden waarbij gebruik wordt gemaakt van primaire gegevens op basis van brandstof, routegebaseerde modellering en/of industriële standaardmodellering. Voor luchtvracht zijn de emissies gebaseerd op input van Bekaerts belangrijkste leveranciers die allemaal de EcoTransIT-emissiecalculator gebruiken.
- Verwerking van verkochte producten: berekening uitgevoerd met behulp van de uitstootfactoren uit EcoInvent 3.11.1 op basis van geschatte verwerkingskosten en tonnages voor de twee grootste categorieën verkochte producten.
- Gebruik van verkochte producten: berekening uitgevoerd met behulp van de emissiefactoren uit EcoInvent 3.11.1 op basis van verkochte producten voor aandrijflijntoepassingen voor voertuigen met verbrandingsmotor (zoals geadviseerd door SBTi voor wat betreft het kwalificeren van producten en directe/indirecte scope 3-emissies). Bekaert Jaarverslag 2025 − 249 −
- Behandeling van verkochte producten aan het einde van hun levensduur: berekening uitgevoerd met behulp van de uitstootfactoren uit EcoInvent 3.11.1 op basis van verkochte tonnage.
- Downstream geleasede activa: geen in Bekaert.
- Franchises: geen in Bekaert.
- Investeringen omvatten de scope 1 en 2 van onze joint ventures vermenigvuldigd met het % aandeel van het eigen vermogen.
- Zoals hierboven uitgelegd, zijn sommige van de scope 3-emissies, opgenomen in onze inventaris, gebaseerd op uitstootfactoren gelinkt aan uitgaven of financiële waarde, waarbij gebruik wordt gemaakt van de uitstootfactoren uit EcoInvent 3.11.1. Bijgevolg weerspiegelen deze ramingen niet noodzakelijk werkelijke veranderingen in emissies. In de toekomst willen we verbeterde methodes onderzoeken die de actuele situatie nog accurater weergeven.
- Als gevolg van nieuwe emissiefactoren, verbeterde methodologie, nauwkeurigheid en omvang van emissieschattingen voor een aantal categorieën, zijn onze scope 3-gegevens voor alle gerapporteerde jaren bijgewerkt. ESRS E1-6 AR39, §46g, i, h
Broeikasgasverwijderingen en projecten voor broeikasgasmitigatie gefinancierd uit carbon credits (E1-7)
Broeikasgasverwijderingen en projecten voor broeikasgasmitigatie gefinancierd uit carbon credits zijn niet van toepassing op Bekaert. ESRS E1-6 AR39, §46g, i, h
Interne koolstofbeprijzing (E1-8)
We hebben een interne koolstofprijs ontwikkeld binnen ons interne wereldwijde investeringsprogramma. Een interne koolstofprijs van € 100/Ton $\text{CO}_2\text{e}$ wordt gebruikt als schaduwprijs bij het berekenen van de business case voor investeringsprojecten en wordt toegepast voor scope 1 en 2. We hebben een benchmark uitgevoerd op basis van verwachte ETS-prijzen, sectorstudies en vergelijkbare bedrijven om de huidige passende interne koolstofprijs voor Bekaert te bepalen. Omdat het merendeel van onze scope 1- en 2-emissies gerelateerd is aan onze productieprocessen, passen we de interne koolstofprijs voornamelijk toe bij de selectie van investeringsprojecten voor ons portfolio, omdat die de grootste impact hebben op onze koolstofvoetafdruk.ESRS E-1-8 §62, §63 Bekaert Jaarverslag 2025 − 250 − E2 Verontreiniging
Onze processen om materiële impacts, risico’s en kansen inzake verontreiniging te identificeren en te beoordelen (E2- IRO-1)
De materiële verontreinigingsimpacts, -risico's en -kansen zijn geïdentificeerd in het kader van de overkoepelende dubbele materialiteitsbeoordeling door het analyseren van interne en externe documenten en het voeren van gesprekken met belangrijke interne en externe stakeholders. Voor Bekaert werden volgende materiële thema's met betrekking tot verontreiniging geïdentificeerd:
Negatieve impact
Inherent aan de aard van onze activiteiten, gebruikt Bekaert gevaarlijke stoffen en chemicaliën in zijn productieprocessen. Bekaert gebruikt gevaarlijke stoffen en materialen op een gecontroleerde manier in zijn productieproces om de impact op mens en milieu te minimaliseren.
Risico
Het gebruik van bepaalde stoffen en chemicaliën die momenteel in onze productieprocessen worden gebruikt, kan in de toekomst worden beperkt. We volgen de ontwikkelingen in de regelgeving op en bereiden ons voor op mogelijke wijzigingen door onze voortdurende focus op technologie en onze inspanningen om te blijven innoveren. Het materialiteitsbeoordelingsproces wordt beschreven in rubriek IRO-1 op pagina 214.
ESRS E2 - IRO-1 §11a, b, AR 9
Beleid inzake zorgwekkende stoffen (E2-1)
We geloven dat zorg dragen voor mensen en milieu fundamenteel bijdraagt aan het succes van de business. Hiervoor stimuleren we een cultuur van respect en naleving, ondersteund door een vastgelegde reeks normen, waaronder principes en processen. Via ons beleid inzake Veiligheid, Gezondheid en Milieu engageert Bekaert zich om mens en milieu te beschermen, onder andere door verontreiniging te voorkomen en zorgwekkende stoffen te beheren. Het beleid van Bekaert inzake Veiligheid, Gezondheid en Milieu is van toepassing op alle medewerkers en iedereen die in onze vestigingen werkt of er een bezoek brengt. Het is de verantwoordelijkheid van het management om het kader vast te stellen voor doelstellingen en doelen op het gebied van Veiligheid, Gezondheid en Milieu en om ervoor te zorgen dat iedereen in ons bedrijf, inclusief aannemers en bezoekers, deze kent, begrijpt en naleeft. Het beleid van Bekaert inzake Veiligheid, Gezondheid en Milieu is beschikbaar in het Engels op onze website.
ESRS E2-1 §14
Om dezelfde mate van zorg te garanderen voor al onze medewerkers wereldwijd, hebben we een globale norm geïmplementeerd met interne blootstellingslimieten voor een reeks relevante gevaarlijke chemicaliën en agentia. Deze interne blootstellingslimieten zijn in overeenstemming met, en gaan soms zelfs verder dan, de strengste limieten in de landen waar we actief zijn. Onze productievestigingen functioneren in overeenstemming met hun milieuvergunning en het milieubeheersysteem van het bedrijf. We beheren onze activa wereldwijd in overeenstemming met ISO 14 001 en, waar van toepassing, ISO 45 001 en de bijbehorende noodprocedures.
ESRS E2-1 §15 b, c
Onze acties en middelen inzake zorgwekkende stoffen (E2-2)
We hebben een productstewardshipskader in voege met daaraan gerelateerd de vereiste ontwikkeling van vaardigheden. Het kader omvat:
* gestandaardiseerd chemicaliënbeheer,
* naleving van milieuwetgeving voor zowel grondstoffen als afgewerkte producten, en
* daaraan gelinkte klantenverwachtingen.
We hebben een wereldwijde norm voor chemicaliënbeheer en een wereldwijde softwaretool voor chemicaliënbeheer die een efficiënte implementatie van de norm, een strikt governance proces, voorraadbeheer en een meer proactief chemisch product beheerssysteem mogelijk maakt. Onze softwaretool voor chemicaliënbeheer wordt in alle productievestigingen gebruikt om het gebruik en de controle van chemicaliën bij te houden, waaronder zorgwekkende stoffen. Bekaert Jaarverslag 2025 − 251 −
Als onderdeel van de norm voor chemische blootstelling, die van toepassing is op een aantal relevante gevaarlijke chemische stoffen en agentia, controleren we ten minste eenmaal per jaar de blootstelling van medewerkers aan deze stoffen om ervoor te zorgen dat de blootstelling tot een minimum beperkt blijft. Indien nodig worden aanvullende risicobeperkende en/of beschermende maatregelen genomen.
In lijn met de ISO 14 001-vereisten werd op groepsniveau een proces voor levenscyclusbeheer ontwikkeld. Het proces is gericht op het identificeren van potentieel significante milieu-impacts in de volledige toeleveringsketen en is van toepassing op alle fases in de levenscyclus van onze afgewerkte producten en hoe ze op de juiste manier moeten worden behandeld.
Bij Bekaert volgen we de EU REACH-regelgeving nauwlettend op om naleving proactief te garanderen, zowel voor de grondstoffen die we gebruiken als voor onze afgewerkte producten. We verwachten van onze leveranciers dat ze hun REACH-naleving verifiëren in het toeleveringsproces van grondstoffen. Bovendien identificeren we mogelijk zorgwekkende stoffen en starten een proactieve uitfasering op. Als we belangrijke regionale verschillen identificeren op het vlak van gevarenclassificatie en blootstellingslimieten, passen we onze eigen bedrijfsspecifieke gevarenclassificatie en blootstellingslimieten toe die moeten worden nageleefd als er geen strengere regelgeving van toepassing is. Binnen de organisatie voor Veiligheid, Gezondheid en Milieu is een specifiek regelgevend team opgezet om het bedrijf te ondersteunen bij het behalen van deze doelstellingen.
ESRS E2-2 §16,18
Doelen inzake zorgwekkende stoffen (E2-3)
De wereldwijde veiligheidsaanpak van Bekaert is erop gericht een werkomgeving te creëren die niemand schade berokkent. We hebben geen specifieke externe doelen vastgesteld voor zorgwekkende stoffen, omdat we een risicogebaseerde aanpak volgen die wordt ondersteund door intern vastgestelde blootstellingslimieten voor relevante gevaarlijke chemicaliën en agentia. Dit zorgt voor een consistent en hoog niveau van zorg voor alle medewerkers wereldwijd.
ESRS E2-3 §23d
Zorgwekkende stoffen en zeer zorgwekkende stoffen (E2-5)
| Type (enkel van toepassing op producten, niet op diensten) | Totaal | Chronisch gevaar voor het aquatisch milieu | Voortplantings- toxiciteit | ||
|---|---|---|---|---|---|
| 2024 | 2025 | 2024 | 2025 | 2024 | |
| Totale hoeveelheid aangekochte zorgwekkende stoffen (ton) | 17 996 | 18 536 | 17 996 | 18 536 | 1 033 |
| Hoeveelheid zorgwekkende stoffen die onze faciliteiten verlaten als deel van producten (ton) | 14 579 | 15 237 | 14 579 | 15 237 | 0 |
| Totale hoeveelheid aangekochte zeer zorgwekkende stoffen (ton) | 1 033 | 801 | 1 033 | 801 | 1 033 |
| Hoeveelheid zeer zorgwekkende stoffen die onze faciliteiten verlaten als deel van producten (ton) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
Onze gegevensverzameling heeft betrekking op de hoeveelheden aangekochte basismetalen en de hoeveelheden van deze metalen die achterblijven in onze geproduceerde producten. Deze metalen vertegenwoordigen het grootste deel van het gewicht van de (zeer) zorgwekkende stoffen die we gebruiken en verwerken. Basismetalen worden gebruikt om een specifieke deklaag op staaldraad aan te brengen of als productiehulpmiddel. De gerapporteerde hoeveelheden van (zeer zorgwekkende) stoffen omvatten alleen zuivere stoffen die tot één van beide categorieën behoren en niet die in (meestal kleine concentraties in) mengsels. We rapporteren het gehalte aan (zeer) zorgwekkende stoffen per gevarenclassificatie, gebaseerd op de informatie in de veiligheidsdatasheets van de stoffen. De hoeveelheid stoffen die onze fabrieken verlaat, is berekend door de ingekochte hoeveelheden te vermenigvuldigen met de gemiddelde uitvalpercentages voor de producten waarin deze stoffen worden gebruikt. Gezien de specifieke aard van ons bedrijf en de producten die we gebruiken, geeft deze aanpak een zeer goede inschatting van de totale hoeveelheden die zowel worden ingekocht als onze vestigingen verlaten. We willen ook benadrukken dat de gevarenklasse van de gerapporteerde stoffen niet het werkelijke risico voor het milieu of de menselijke gezondheid weergeeft. De classificatie 'chronisch risico voor het Bekaert Jaarverslag 2025 − 252 − aquatisch milieu' houdt bijvoorbeeld geen rekening met het feit dat de stoffen die we kopen en die deel uitmaken van onze producten vaste metalen zijn en geen in water oplosbare zouten. Ook onze preventieve en beschermende maatregelen om de blootstelling aan bepaalde chemicaliën en stoffen te beperken, worden niet weergegeven in de gevarenclassificatietabel. Opmerking: zeer zorgwekkende stoffen zijn een deelgroep van zorgwekkende stoffen. Daarom worden stoffen die tot beide gevarenklassen behoren in elke categorie in de bovenstaande tabel vermeld.
ESRS E2-5 §32, §34, §35
E3 Water
Onze processen om watergerelateerde materiële impacts, risico’s en kansen te identificeren en te beoordelen (E3 - IRO-1)
De watergerelateerde materiële impacts, risico's en kansen zijn geïdentificeerd in het kader van de dubbele materialiteitsbeoordeling. De materialiteitsbeoordeling wordt beschreven in rubriek IRO-1 op pagina 214. Als onderdeel van de beoordeling van de fysische impact van klimaatverandering zijn daarnaast waterstress en droogte beoordeeld op activaniveau. Het resultaat van de Beoordelingsstudie van fysische risico's is beschikbaar op pagina 230. Er vond geen direct overleg plaats met mogelijk getroffen gemeenschappen, maar er werden onrechtstreeks inzichten verzameld via gevolmachtigden die een goed geïnformeerde visie hebben op de mogelijk getroffen gemeenschappen. In dit stadium en voor zover wij weten, zijn er geen watergerelateerde materiële impacts op gemeenschappen geïdentificeerd.
De volgende watergerelateerde materiële IRO's zijn geïdentificeerd:
Negatieve impact
We gebruiken water direct in onze productieprocessen en ook indirect voor verdampingskoeling. We focussen op waterbesparende projecten, met name in maar niet uitsluitend in gebieden met waterstress.
Riscio
Toegang tot water kan in de toekomst worden beïnvloed door klimaatverandering in gebieden met waterstress.Daarnaast kunnen mogelijke toekomstige wijzigingen in de regelgeving voor watergebruik uiteindelijk ook een impact hebben. Eerst en vooral onderneemt Bekaert acties om het gebruik van zoetwater te minimaliseren. Relevante ontwikkelingen in regelgeving worden ook opgevolgd.
ESRS E3 - IRO-1 §8a, b
Beleid inzake water (E3-1)
Waterbehoud is van cruciaal belang omdat het zoetwaterbronnen in stand houdt, ecosystemen ondersteunt, het watergebruik vermindert en een duurzame watervoorziening voor toekomstige generaties garandeert. Bij Bekaert engageren we ons om onze impact op wateronttrekking, - verbruik en -lozing te verminderen, vooral in gebieden met waterstress, via:
- Het monitoren van wateronttrekking, waaronder het gebruik en de herkomst van water in onze activiteiten;
- Interne bewustwording creëren over het belang van waterbesparing;
- Programma's implementeren om ons waterverbruik te verminderen in zowel productieprocessen als ondersteunende koelprocessen, waaronder hergebruik en recyclage van water.
Na veelvuldig gebruik en hergebruik wordt water dat niet verder gerecycleerd kan worden, behandeld volgens de beste industriële praktijken en in overeenstemming met de lokale wettelijke vereisten voordat het ons vestigingen verlaat. Bovendien hebben we een risicobeheerprogramma om waterverontreiniging als gevolg van onze activiteiten te voorkomen (meer informatie hierover is beschikbaar in rubriek E3-2 op pagina 253).
Ons waterbeleid is ontworpen om de organisatie te aligneren met ons waterdoel. Het is van toepassing op alle geconsolideerde activiteiten en entiteiten. De Chief Operating Officer houdt toezicht op het formuleren van het beleid. De divisie-CEO's zijn, met ondersteuning van de relevante bedrijfsfuncties, verantwoordelijk voor de implementatie van dit beleid in hun respectievelijke divisie en activiteiten. Het beleid is intern beschikbaar via het Bekaert Document Management Systeem (BDMS). De Engelse versie van het beleid is ook beschikbaar op onze website.
ESRS E3-1 §11 §12 §13
10 We verwijzen naar toelichting 6.3 van het Financieel Verslag voor het ‘Materiële Vaste Activa’ lijnitem waarin deze Capex voor het fiscaal jaar 2025 is opgenomen
11 Berekend ten opzicht van geproduceerd ton eindproduct
12 Vermindering van de zoetwaterinname heeft de grootste impact, rekening houdend met de kenmerken van onze sector
Bekaert Jaarverslag 2025 − 253 −
Onze acties en middelen inzake water (E3-2)
We gebruiken water in onze productieprocessen en willen elke overbodige druppel sparen. We volgen ons waterverbruik grondig op en implementeren programma's om ons waterverbruik te verminderen, specifiek, maar niet enkel, in gebieden met waterstress.
Preventie en risicobeheer
Voorkomen is beter dan genezen. Onze preventie- en risicomanagement-gerelateerde activiteiten omvatten onder meer:
- Programma’s die onze wateronttrekking en ons waterverbruik verminderen, vooral maar niet enkel in gebieden met waterstress.
- Bescherming tegen bodem- en grondwaterverontreiniging met primaire en secondaire fysieke afdamming, opvolging en preventief onderhoud.
Acties
Om ons waterverbruik te verminderen, vooral maar niet uitsluitend in gebieden met waterschaarste, richten we onze aandacht op de volgende acties binnen onze productievestigingen:
- Infrastructuur-gerelateerd verbruik (bijv. beheer van waterlekken, controle van verdampingsverliezen, hergebruik van stoomcondensaat);
- Gebruik van proceswater (bijvoorbeeld geleidbaarheidsgestuurd spoelen, terugwinning van afvalwater); en
- Sanitair waterbeheer (bijvoorbeeld waterbesparende kranen in sanitaire ruimten).
Een van onze vestigingen in Turkije is begonnen met het gebruik van gerecycleerd industrieel afvalwater (uit de gemeentelijke riolering) in plaats van bronwater voor onze activiteiten. Door over te schakelen op gerecycleerd water, verminderen we onze impact op lokale grondwaterbronnen aanzienlijk en dragen we bij aan een meer circulaire en verantwoorde benadering van waterbeheer. Sinds 2021 hebben we 30 waterbesparingsprojecten geïmplementeerd en 0,27m3 per ton product bespaard.
Omdat we ons ervan bewust zijn dat de productie van onze producten en oplossingen gepaard gaat met een aanzienlijke koolstof- en ruimere ecologische voetafdruk, is ons wereldwijde programma You Know WATT erop gericht ons energieverbruik verder te verminderen, water te besparen en afval op een gestructureerde manier te verminderen. Meer informatie over ons You Know WATT-programma is beschikbaar in rubriek E1-3 op pagina 236.
Middelen
Ons programma You Know WATT gaat van fabriek naar fabriek en ondersteunt lokale teams bij het creëren van bewustzijn over waterbesparing en het identificeren van mogelijkheden om te besparen op het waterverbruik. Waterbesparingsprogramma's zijn geprioriteerd met de nadruk op gebieden met waterstress en opgenomen in onze capex- roadmap. In 2025 werd in totaal € 146 000 10 uitgegeven aan waterbesparingsprojecten. Er zijn nog meer waterbesparingsprojecten gepland.
ESRS E3-2 §17, §18, §19
Doelen inzake water (E3-3)
Het is onze ambitie om onze relatieve 11 opname van zoetwater 12 in gebieden met waterstress met -15% te verminderen tegen 2030 ten opzichte van 3,87 m3/ton in 2019. Dit doel is op vrijwillige basis vastgesteld. Eind 2025 bereikten we 3,49 m3/ton of een reductie van -10% versus 2019, vergeleken met 3,56 m3/ton eind 2024 of -8% ten opzichte van 2019. Een van de belangrijkste hefbomen voor deze vermindering is onze praktijk om water meerdere keren te recycleren en te hergebruiken totdat het niet meer gerecycleerd kan worden. Ons doel samen met de maatregelen gedefinieerd in rubriek E3-2 op pagina 253, is gericht op het verminderen van de impact van onze activiteiten, in het bijzonder, maar niet beperkt tot, gebieden met waterstress en op het vrijwaren van de waterkwaliteit via de behandeling van water voordat het onze faciliteiten verlaat.
ESRS E3-3 §22, §23a, c, §25, AR23a
13Waterstress: in gebieden met waterstress is de verhouding tussen de totale jaarlijkse wateropname en de totale jaarlijkse beschikbare hernieuwbare watertoevoer hoog (40-80%) of extreem hoog (>80%)
Bekaert Jaarverslag 2025 − 254 −
Water data (E3-4)
Waterverbruik
Waterverbruik = totale wateronttrekking - totale lozing van afvalwater. Het totale waterverbruik bedroeg 3 342 902 m3 waarvan 1 699 977 m3 uit gebieden met waterstress 13
| Waterverbruik (in m3) | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|
| Totaal waterverbruik | 3 386 448 | 3 477 816 | 3 342 902 |
| Van gebieden met water stress | 1 693 203 | 1 756 768 | 1 699 977 |
| Totaal water gerecycleerd en hergebruikt | 112 314 | 100 186 | |
| Totaal opgeslagen water | 2 800 | 2 800 | |
| Wijzigingen in opslag | 0 | 0 |
Het totale gerecycleerde en hergebruikte water is alleen voor fabrieken zonder lozing van vloeistoffen. Totaal opgeslagen water en veranderingen in de opslag zijn volumes van onze belangrijkste opslagtanks.
| Waterverbruik intensiteit in m3 per miljoen € netto omzet | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|
| Totale waterverbruik intensiteit | 782 | 879 | 902 |
ESRS E3-4 §28, §29
Opname van water
| Opname van water (in m3) | 2019 (baseline) | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|
| Totale wateropname | 7 960 995 | 6 533 703 | 6 588 020 | 6 372 875 |
| uit gebieden met waterstress | 3 393 081 | 3 022 796 | 2 974 932 | 2 811 357 |
| Water opname intensiteit (in m3 per miljoen € netto omzet) | 2019 (basisjaar) | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|
| Totale wateropname | 2 073 | 1 510 | 1 664 | 1 720 |
| uit gebieden met waterstress | 884 | 698 | 752 | 759 |
| Opname van zoetwater per bron (in m3) | 2019 (basisjaar) | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|
| Oppervlaktewater | 571 820 | 456 066 | 458 901 | 398 743 |
| uit gebieden met waterstress | 559 415 | 447 387 | 458 901 | 398 743 |
| Grondwater | 1 719 278 | 1 544 234 | 1 653 351 | 1 520 007 |
| uit gebieden met waterstress | 669 753 | 682 440 | 731 452 | 667 738 |
| Water van derden | 5 669 897 | 4 533 403 | 4 475 768 | 4 454 124 |
| uit gebieden met waterstress | 2 163 913 | 1 862 305 | 1 784 579 | 1 744 875 |
| Water van derden per bron (in m3) | 2019 (basisjaar) | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|
| Water van derden van oppervlaktewater | 5 198 266 | 4 025 550 | 4 188 422 | 4 241 443 |
| uit gebieden met waterstress | 1 954 801 | 1 686 665 | 1 622 466 | 1 622 066 |
| Water van derden van grondwater | 471 630 | 507 852 | 287 346 | 212 681 |
| uit gebieden met waterstress | 209 112 | 175 639 | 162 113 | 122 810 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 255 −
Lozing van afvalwater
| Lozing van afvalwater (in m3) | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|
| Het totale volume geloosd afvalwater na afvalwaterzuivering | 3 147 255 | 3 110 204 | 3 029 973 |
| naar gebieden met waterstress | 1 329 593 | 1 218 164 | 1 111 380 |
| Bestemming van het geloosde afvalwater (in m3) | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|
| Oppervlaktewater | 985 393 | 892 212 | 875 924 |
| Zoetwater | 9 007 | 5 455 | 7 278 |
| Ander water | 976 386 | 886 757 | 868 646 |
| Grondwater | 0 | 0 | 0 |
| Zeewater | 25 596 | 22 292 | 17 803 |
| Zoetwater | 0 | 0 | 0 |
| Ander water | 25 596 | 22 292 | 17 803 |
| Water van derden | 2 136 265 | 2 195 700 | 2 136 246 |
| Zoetwater | 11 932 | 204 385 | 199 822 |
| Ander water | 2 124 333 | 1 991 314 | 1 936 423 |
| Lozing van afvalwater naar gebieden met waterstress | 1 329 593 | 1 218 164 | 1 111 380 |
| Zoetwater | 15 300 | 43 324 | 63 106 |
| Ander water | 1 314 293 | 1 174 840 | 1 048 274 |
Gegevens over wateronttrekking en waterafvoer werden berekend op basis van facturen of watermeterstanden.
ESRS E3-5 AR32
Bekaert Jaarverslag 2025 − 256 −
E5 Materiaalgebruik en circulaire economie
Onze processen om materiële impacts, risico's en kansen inzake materiaalgebruik en circulaire economie te identificeren en te beoordelen (E5 - IRO-1)
De materiële impacts, risico's en kansen met betrekking tot materiaalgebruik en circulaire economie zijn geïdentificeerd in het kader van de dubbele materialiteitsbeoordeling. De materialiteitsbeoordeling wordt beschreven in rubriek ESRS 2 Algemene informatie IRO-1 Dubbele materialiteits beoordelingsprocedure op pagina 214. De beoordeling werd uitgevoerd aan de hand van analyses van interne en externe documenten en interviews met de belangrijkste interne en externe stakeholders. Er vond geen direct overleg plaats met mogelijk getroffen gemeenschappen, maar er werden onrechtstreeks inzichten verzameld via gevolmachtigden die een goed geïnformeerde visie hebben op de mogelijk getroffen gemeenschappen.De volgende materiële impacts, risico's en kansen zijn geïdentificeerd met betrekking tot materiaalgebruik en circulaire economie:
Negatieve impact
De uitputting van natuurlijke hulpbronnen heeft een negatieve impact op de planeet. We streven ernaar om de inkoop van nieuwe grondstoffen te verminderen met als duidelijk doel de hoeveelheid gerecycleerde grondstoffen die we inkopen te verhogen wanneer er vraag is van de klant. In onze inkoopstrategie maken we een afweging tussen de beschikbaarheid van gerecycleerde grondstoffen, prestaties en kosten. Daarnaast werken we aan het verminderen van afval door de principes van de circulaire economie te integreren in onze productieprocessen en producten.
Positieve impact
Ons doel is om afval te minimaliseren, recyclage en hergebruik te bevorderen, efficiënt materiaalgebruik te verbeteren en de afhankelijkheid van nieuwe materialen te verminderen door middel van innovatief circulair ontwerp, gezamenlijke ontwikkelingen en partnerschappen. Circulaire ontwerpprincipes maken deel uit van onze innovatiestrategie.
Risico
We zien de beschikbaarheid van voldoende gerecycleerde grondstoffen als een potentieel risico in de toeleveringsketen. Extern aangedreven veranderingen in de vraag van klanten of de vereiste snelheid van technologische veranderingen kunnen onze concurrentiepositie verzwakken. Impactvolle technologische veranderingen kunnen sectoren treffen die relevant zijn voor Bekaert. We streven ernaar onze marktpositie en ons marktaandeel te beschermen door innovatie, gezamenlijke ontwikkeling en partnerschappen.
Opportuniteit
We streven ernaar onze marktpositie en ons marktaandeel te versterken door innovatie, co-ontwikkeling en partnerschappen en duurzame en circulaire oplossingen. Alle divisies focussen op materiaalgebruik en de principes van de circulaire economie. We verankeren circulariteit in onze inkoopstrategie door circulaire strategieën toe te passen bij de innovatie van producten en processen. Daarnaast nemen we maatregelen om materiaalgebruik tijdens onze activiteiten tot een minimum te beperken.
ESRS E5 IRO-1 §11a-b
Beleid inzake materiaalgebruik en circulaire economie (E5-1)
Bekaerts beleid inzake materiaalgebruik en circulaire economie reflecteert ons engagement om het gebruik van nieuwe materialen te minimaliseren, materiaalefficiëntie te verbeteren en circulariteit te integreren doorheen onze waardeketen. Onze aanpak is gebaseerd op twee belangrijke pijlers:
-
Duurzame activiteiten: We geven prioriteit aan het gebruik van gerecyclede materialen in de productie om de afhankelijkheid van nieuwe grondstoffen te verminderen. Door systemen te implementeren die materialen zoals water en verpakkingsmateriaal recycleren en hergebruiken en samen te werken met lokale recyclagebedrijven om staalschroot 100% te kunnen recycleren, minimaliseren we afval en optimaliseren we materiaalgebruik. Deze operationele aanpak ondersteunt rechtstreeks onze duurzaamheidsdoelstellingen.
-
Duurzame oplossingen: We ontwerpen onze producten met duurzaamheid, recycleerbaarheid en aanpasbaarheid in gedachten, waardoor zowel het afval als de ecologische voetafdruk van onze klanten wordt verminderd. Hoewel we geen controle hebben over het einde van de levensduur van onze oplossingen, stelt onze focus op circulariteit ons in staat om samen te werken met partners in de waardeketen om circulaire businessmodellen te ontwikkelen en te implementeren die recyclage en hergebruik vergemakkelijken. Producten gemaakt van staal kunnen aanzienlijk bijdragen aan een circulaire, koolstofarme toekomst omdat staal wereldwijd het meest gerecycleerde materiaal is.
Door deze inspanningen, die gebaseerd zijn op het 9R-kader (Refuse, Rethink, Reduce, Repair, Refurbish, Remanufacture, Repurpose, Recycle en Recover), pakt Bekaert materiële impacts en risico's aan terwijl ze waardecreatie op lange termijn voor alle stakeholders stimuleert en de principes van de circulaire economie bevordert.
Ons beleid inzake materiaalgebruik en circulaire economie is van toepassing op alle geconsolideerde activiteiten en bedrijven. De Chief Operating Officer houdt toezicht op het formuleren van het beleid. De divisie-CEO’s zijn, met ondersteuning van de relevante bedrijfsfuncties, verantwoordelijk voor de implementatie van dit beleid in hun respectievelijke divisie en activiteiten. De Engelse versie van het beleid is beschikbaar op onze website.
ESRS E5-1 §14, §15, §16
Onze acties en middelen inzake materiaalgebruik en circulaire economie (E5-2)
In de loop van het jaar hebben we belangrijke partnerschappen en initiatieven gelanceerd om de circulariteit en het duurzaam grondstoffenbeheer gedurende de hele levenscyclus van onze producten en doorheen de waardeketen te verbeteren.
Duurzame activiteiten door gebruik van gerecyclede materialen en recyclage
- Walsdraad: Bekaert heeft een door SBTi gevalideerd scope 3-doel om de uitstoot van aangekochte producten en diensten met 19,7% te verminderen tegen 2035. We geven hierbij veel aandacht aan de walsdraad die we inkopen, omdat dit meer dan 75% van de verwante uitstoot betreft (gebaseerd op de uitstoot van 2019). Staal is een ideaal materiaal voor een circulaire, koolstofarme toekomst omdat het wereldwijd het meest gerecycleerde materiaal is. Gerecycleerd materiaal in walsdraad levert een essentiële bijdrage aan het behalen van het doel. Meer informatie over het percentage gerecycleerd materiaal is beschikbaar in rubriek E5-4 op pagina 261.
- Om het gehalte aan gerecyclede grondstoffen te verhogen, passen wij in ons product- en procesontwerp technieken toe die het gebruik van walsdraad op basis van schroot ondersteunen.
- We stimuleren circulaire economie en het gebruik van gerecyclede materialen binnen onze toeleveringsketen. In lijn met onze roadmap voor scope 3 zullen we onze leveranciers blijven aansporen om vooruitgang te boeken op technische proeven met duurzamere materialen en technologieën, en op een verdere verbetering in kwaliteit en beschikbaarheid van data. Dit zou moeten helpen om materiaalcirculariteit en decarbonisatie te versnellen vanaf 2026. Divisies nemen initiatieven om het aandeel gerecycled materiaal in hun producten te verhogen, gedreven door noden van de markt en van klanten.
- De aankoopafdeling heeft ook gewerkt aan duurzaamheidstopics met betrekking tot verpakking, waarbij de nadruk ligt op hergebruik, gerecyclede inhoud en minder verpakking. Spoelen zijn een belangrijk type verpakking voor Bekaert, aangezien de meeste producten rond spoelen worden gewikkeld om aan onze klanten te worden geleverd.
- Recyclage: Wij investeren in afvalbeheer waarbij recyclage voorrang krijgt op verwijdering. Wij nemen bijvoorbeeld niet alleen initiatieven om onze zoetwaterinname te verminderen, maar recycleren en hergebruiken water ook vele malen totdat het niet verder gerecycleerd kan worden. Bovendien werken wij samen met lokale recyclagebedrijven om ons afval te recycleren. Zo gaat 100% van alle staalschroot terug naar de staalindustrie voor recyclage. We ondersteunen ook lokale initiatieven met betrekking tot circulaire economie buiten de scope van de producten die we leveren.
- Afval: meer informatie over onze inspanningen om afval te recycleren is beschikbaar in rubriek E5-5 op pagina 262.
Duurzame oplossingen door innovatie en partnerschappen
In 2025, 50 jaar na een revolutie te hebben ontketend in de bouwsector, introduceerde Bekaert de Dramix® LoopTM-technologie: staalvezels voor betonversterking die volledig zijn teruggewonnen uit autobanden aan het einde van hun levensduur en een tweede leven krijgen. Deze baanbrekende oplossing combineert hoge prestaties met aanzienlijk lagere milieu-impacts en ondersteunt het circulaire gebruik van materialen doorheen de waardeketen. Dramix® LoopTM is LCA- en EPD-gecertificeerd door derden.
In 2025 breidde Bekaert zijn circulaire productroadmap uit door nieuwe O&O-prioriteiten te definiëren die gericht zijn op het verbeteren van de recycleerbaarheid, het mogelijk maken van materiaalvervanging en het verminderen van procesafval voor de volgende generatie producten. Lopende initiatieven omvatten onder meer de integratie van meer koolstofarme materialen zoals groene walsdraad in het productportfolio van Staaldraadtoepassingen en draad met een hoog gehalte aan gerecycleerd materiaal (High recyceld content - HRC) in Rubberversterking, en het verminderen van procesafval door verbeterde draadtransformatie- en deklaagtechnologieën.
Bekaert en CITIC Pacific Special Steel tekenen groene samenwerkingsovereenkomst om te bouwen aan een duurzame toekomst
Bekaert en CITIC Pacific Special Steel tekenen groene samenwerkingsovereenkomst om te bouwen aan een duurzame toekomst. Om de wereldwijde klimaatuitdagingen proactief aan te pakken en tegemoet te komen aan de groeiende marktvraag naar groene en koolstofarme producten, besloten Bekaert en CITIC Pacific Steel hun nauwe strategische partnerschap te verdiepen met een samenwerking op het gebied van duurzame ontwikkeling. De samenwerking zal zich richten op koolstofreductie gedurende de gehele levenscyclus van producten – van grondstoffen en productieprocessen tot eindproducten – en tegelijkertijd nieuwe wegen verkennen voor synergetische decarbonisatie binnen de industriële keten. Door middel van gezamenlijke technologische, materiële, industriële en marktinitiatieven zullen Bekaert en CITIC Pacific Special Steel downstreamklanten geleidelijk aan meer competitieve koolstofarme materiaaloplossingen bieden, waardoor de groene transformatie van de sector wordt gestimuleerd.
Deze onderscheidingen en verhalen weerspiegelen de focus van Bekaert op het benutten van innovatie en partnerschappen om de circulaire economie te ondersteunen en een positieve impact op het milieu te creëren.Levenscyclusanalyses (LCAs) en Milieuproductverklaringen (EPDs)
We gebruiken LCA om transparantie te garanderen, onze impact te meten en de duurzaamheidsprestaties van onze producten zichtbaar te maken, door digitale automatisering in te zetten voor maximale schaalbaarheid. Dit helpt ons ook om materiaalgebruik te optimaliseren en mogelijkheden te identificeren om bij te dragen aan een meer circulaire economie. Bekaert Jaarverslag 2025 − 259 −
We integreren LCAs en milieuproductverklaringen (Environmental Product Declarations - EPD) in onze strategische discussies en besluitvormingsprocessen. Dit is een steeds belangrijker onderscheidend kenmerk en concurrentievoordeel geworden, vooral in een context van toenemende marktverwachtingen en strengere regelgeving. LCA's zijn ook geïntegreerd in ons technologie- en innovatieproces, om te verzekeren dat elk nieuw product, nieuwe dienst of technologie die we ontwikkelen, bijdraagt aan duurzaamheid en de principes van circulariteit ondersteunt. Door producten te ontwerpen die duurzamer, beter recycleerbaar en flexibeler zijn, willen we de koolstofvoetafdruk van onze klanten en hun eindgebruikers minimaliseren en tegelijkertijd circulaire businessmodellen doorheen de waardeketen versterken.
In 2025 hebben we ons streven naar transparantie versterkt door de LCA-dekking verder uit te breiden en, waar nodig, door derden te laten verifiëren. Door op transparante wijze te rapporteren ondersteunen we de wereldwijde duurzaamheidsdoelstellingen en geven we onze klanten vertrouwen in de milieu-integriteit van onze producten. Voortdurend leren en het ontwikkelen van vaardigheden blijven ook een belangrijke prioriteit voor ons. In 2025 hebben we drie extra opleidingssessies gegeven om het bewustzijn van het strategische belang van LCA en EPD te versterken en deze vaardigheden verder in onze organisatie te verankeren. Voor ons dienen LCA en EPD als leidraad bij ons engagement voor duurzaamheid en circulaire economie.
LCA Expert Group
In 2025 was Bekaert een van de stichtende leden van de LCA Expert Group in België. Dit netwerk brengt LCA-specialisten van toonaangevende multinationals met hoofdzetel in België samen. De missie van de groep is om samenwerking te bevorderen, kennis te delen en best practices uit te wisselen om duurzaamheid en circulariteit in alle sectoren te bevorderen. Door hun krachten te bundelen willen de leden de integratie van duurzaamheidsprincipes in productontwikkeling en besluitvormingsprocessen versnellen. Voor Bekaert versterkt dit initiatief ons streven naar transparantie en voortdurende verbetering van onze milieuprestaties, terwijl het tegelijkertijd bijdraagt aan de vooruitgang van de hele sector op het gebied van circulariteit en klimaatdoelstellingen.
Verpakking
In 2025 bereikten we een hoog hergebruik van spoelen: 97% van de staalkoordspoelen werd hergebruikt. 100% van de kartonnen dozen voor bandendraad die we aankopen en gebruiken in China, India, en Indonesië, zijn gemaakt van gerecycleerd papier. Daarnaast zijn er verschillende initiatieven doorgevoerd om het gebruik van verpakkingsmateriaal te verminderen. Eén project verlaagde het aantal kartonlagen, wat een besparing van meer dan 100 ton materiaal opleverde. Een ander initiatief richt zich op het verminderen van de dikte van plastic zakken met 20% en het verhogen van het gerecycleerde gehalte met 30%. Er is ook een speciaal project gestart om het gewicht van kunststof palletten met 9% te verlagen.
Norm voor gerecycleerd materiaal voor draadproducten
Omdat er geen algemeen erkende internationale norm bestaat over hoe de gerecyclede inhoud 14 We verwijzen naar toelichting 6.3 van het Financieel Verslag voor het ‘Materiële Vaste Activa’ lijnitem waarin deze Capex voor het fiscaal jaar 2025 is opgenomen. 15We zullen onze ambities en doelen evalueren als onderdeel van onze volgende strategische planningscyclus. We verwijzen naar de laatste paragraaf in rubriek SBM-1. 16 De interne criteria voor het classificeren van duurzame oplossingen worden momenteel herzien om ze in lijn te brengen met de kaders die door vergelijkbare bedrijven worden gebruikt en om de volledige waarde die onze oplossingen bieden te benutten. Bekaert Jaarverslag 2025 − 260 − in staaldraadproducten berekend moet worden en hoe dit verder in de toeleveringsketen gecommuniceerd moet worden, heeft Bekaert zijn eigen norm opgesteld. Deze norm combineert de definities voor gerecyclede inhoud van ISO 14 021 met die van gecontroleerd mengen zoals beschreven in ISO 22 095. Bovendien diende het als een bron van inzichten voor de komende gedelegeerde wet inzake ijzer en staal in het kader van de verordening inzake ecologisch ontwerp voor duurzame producten (Ecodesign for Sustainable Products Regulation - ESPR). Het document is beschikbaar voor het grote publiek en kan gratis worden gedownload van onze website op de volgende locatie: www.bekaert.com > Sustainability > Policies > Recycled Content Steel Wire Products. Met deze norm is het nu ook mogelijk voor een derde onafhankelijke partij om elke staalproducerende of staalverwerkende fabriek te controleren en te certificeren op gerecycleerd materiaal. ESRS E5-2 §19, §20b-c-d-f
Afvalbeheer
We hebben een recyclage-unit voor afvalzuur in een van onze belangrijkste productievestigingen in Weihai (China), waardoor de afvoer van gevaarlijk afvalzuur van deze fabriek met meer dan 75% wordt verminderd. Tegelijkertijd optimaliseren we onze procesinstellingen om een nog hoger hergebruik van het geregenereerde zuur mogelijk te maken en streven we naar het vermijden van afvalzuur. Voor afval richten we ons op drie hoofdcategorieën die samen ~80% van ons totaal geproduceerd gevaarlijk afval vertegenwoordigen:
* zoutzuur
* slib van afvalwaterzuivering
* smeermiddelen
Sinds 2022 hebben we 35 afvalverminderingsprojecten geïmplementeerd die hebben geleid tot een aanzienlijke vermindering van gevaarlijk afval:
| KPI | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|
| Aantal geïmplementeerde projecten die afval verminderen* | 4 | 12 | 21 | 35 |
| Vermindering gevaarlijk afval (kg/ ton eindproduct)* | 2,20 | 3,90 | 5,44 | 6,81 |
*cumulatieve cijfers (2022 tot 2025)
In 2025 werd in totaal € 334 000 14 uitgegeven aan afvalverminderingsprojecten. Er zijn nog bijkomende afvalverminderingsprojecten gepland. ESRS E5-2 §19, §20 f
De financiële middelen die nodig zijn voor de onder E5-2 vermelde acties zijn geïntegreerd in de budgetten van de respectievelijke functies of divisies, waardoor de implementatie kan worden gewaarborgd zonder dat er aparte financieringsstromen nodig zijn.
Doelen inzake materiaalgebruik en circulaire economie (E5-3)
Ons streven naar efficiënt materiaalgebruik en de principes van de circulaire economie zijn gereflecteerd in onze ambitieuze doelen voor de komende jaren.
Duurzame oplossingen
We streven ernaar om in 2030 65% van onze geconsolideerde omzet uit duurzame oplossingen te halen 15. In 2025 hebben we 49% behaald. Deze oplossingen worden gedefinieerd en geclassificeerd volgens de EU-Taxonomie 16, waarin circulaire economie is opgenomen als een van de zes milieudoelstellingen. Deze afstemming zorgt ervoor dat onze producten en diensten bijdragen aan duurzaamheid en de overgang naar een circulaire economie ondersteunen, rekening houdend met de in- en uitstromen van materiaal, waaronder afval en producten en materialen. Dit doel is op vrijwillige basis vastgelegd. Om dit te bereiken richten we ons op:
* Het verhogen van circulair productontwerp: Het versterken van ontwerppraktijken die de duurzaamheid, ontmanteling en recycleerbaarheid in belangrijke toepassingen verbeteren.
* Het verhogen van circulair materiaalgebruik : Het inzetten van gerecycleerd materiaal voor meer duurzaamheid.
* Het bevorderen van duurzame inkoop en gebruik van hernieuwbare bronnen.
* Samenwerkingen in de waardeketen: Het versterken van partnerschappen om samen circulaire businessmodellen te creëren en te implementeren die de levenscyclus van producten verlengen en de impact op het milieu verminderen.
De aanhoudende groei in duurzame oplossingen zal worden bepaald door de vraag naar en de Bekaert Jaarverslag 2025 − 261 − bereidheid om te betalen voor groene producten in onze belangrijkste markten. Hoewel de fundamenten gezond blijven, zien we een herfasering van klantprojecten en vertragingen in de implementatie van schone energie, wat van invloed is op het momentum op korte termijn
Duurzame activiteiten
Bovendien streeft Bekaert naar het integreren van duurzame praktijken in zijn activiteiten. Bekaert heeft het doel gesteld om tegen 2030 de hoeveelheid van zijn drie belangrijkste categorieën verwijderd gevaarlijk afval ten opzichte van de hoeveelheid eindproduct met 25% te verminderen ten opzichte van 37,7 kg/ton in het basisjaar 2019. Eind 2025 haalden we een reductie van 31,7 kg/ton of -16% vergeleken met 2019. Dit doel is gericht op laag 1, afvalpreventie, van de afvalhiërarchie cfr. Artikel 4, lid 1, van Richtlijn 2008/98/EG betreffende afvalstoffen. Dit doel is op vrijwillige basis vastgelegd. Andere aandachtsgebieden zijn:
* Effectief afvalbeheer.
* De afhankelijkheid van nieuwe materialen minimaliseren door gerecyclede materialen in onze processen op te nemen.
* Recyclage en hergebruik van materialen zoals water en verpakkingsmateriaal om afval en het grondstoffenverbruik te verminderen.
* Samenwerken met lokale recyclagebedrijven: Zorgen voor 100% recyclage van staalschroot en maximaliseren van recyclage van andere materialen via sterke partnerschappen.
Deze doelen leiden ons samen naar meer materiaalefficiëntie en een milieubewustere toekomst, en versterken onze inzet voor duurzaamheid en de principes van de circulaire economie. ESRS E5-3 §24, §25, §27
Materiaalinstromen (E5-4)
Onze belangrijkste materiaalinstromen bestaan uit walsdraad, basismetalen (voornamelijk koper, zink) en verpakkingsmateriaal.Dit zijn de materialen die we het meest relevant vonden om op te volgen qua circulariteit, omdat ze de basismaterialen zijn die worden gebruikt in de meeste producten die we aan onze klanten leveren, verbonden zijn met eindige grondstoffen en een hoog potentieel hebben voor recyclage en hergebruik. Andere materialen die in onze productieprocessen worden verbruikt, zijn smeermiddelen en andere chemicaliën, evenals polymeren en kunststoffen die in een kleiner aantal deklaagtoepassingen worden gebruikt.
Voor de berekening van het aandeel gerecycleerd staal in de walsdraad die wij aankopen, gebruiken wij waar mogelijk gedetailleerde data die we rechtstreeks van onze leveranciers verkregen. Om onze analyse te vervolledigen raadplegen wij ook internationaal erkende databanken en houden wij rekening met generieke waarden op basis van de toegepaste staalproductietechnologie. De kwaliteit van de data is belangrijk en daarom werken wij nauw samen met onze strategische leveranciers en internationale organisaties om de weg vrij te maken voor een meer gestandaardiseerde en gecertificeerde rapportering.
Om het gehalte aan gerecycleerde grondstoffen te verhogen, passen wij in ons product- en procesontwerp technieken toe die het gebruik van walsdraad op basis van schroot ondersteunen. Berekend op basis van de ISO 14 021-definitie bedroeg het totaal van de gerecycleerde inhoud voor en na consumptie in walsdraad 28% in 2025. Dit is een gestage stijging ten opzichte van voorgaande jaren door een duidelijke verschuiving naar staal met een aanzienlijk hoger gehalte aan gerecycleerd materiaal.
In 2025 vroegen we onze leveranciers van basismetalen om informatie over gerecycleerde inhoud op basis van de ISO 14 021-definitie aan te leveren. Door deze inputs te combineren met intern beschikbare gegevensbronnen (zoals technische informatiebladen), is meer dan 99% van het volume aan basismetalen gedekt. Door de verkregen data te analyseren, zullen we kansen identificeren om het gerecycleerd gehalte in 2026 en erna te verhogen.
ESRS E5-4 §30 §32 Bekaert Jaarverslag 2025 − 262 −
Materiaalinstromen
| 2024 | 2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| in ton product | in % | in ton product | in % | |
| Algeheel totaalgewicht van gebruikte materialen | ||||
| Walsdraad$^1$ | 2 016 119 | 1 920 132 | ||
| Basismetalen$^2$ | 17 928 | 20 562 | ||
| Verpakking$^2$ | 36 008 | 46 341 | ||
| Gewicht van secundaire gerecyclede onderdelen | ||||
| Walsdraad$^1$ | 548 287 | 27% | 541 166 | 28% |
| Basismetalen$^2$ | 5 230 | 29% | 7 352 | 36% |
| Verpakking$^2$ | 1 687 | 5% | 3 958 | 9% |
$^1$ De waarden voor walsdraad voor 2024 zijn geactualiseerd vanwege een breder toepassingsgebied en bijgewerkte informatie over gerecycleerd materiaal.
$^2$ De stijging van het volume van basismetalen en verpakking voor 2025 is voornamelijk te wijten aan een uitbreiding van het toepassingsgebied van inbegrepen materialen in vergelijking met 2024. Verpakking bestaat uit ijzerhoudend metaal (spoelen), papier en karton, plastic en hout. We kopen geen biologische materialen aan.
ESRS E5-4 §31
Materiaaluitstromen (E5-5)
Producten en materialen
Bekaert levert een breed portfolio van producten aan verschillende eindmarkten. We integreren de principes van de circulaire economie in het ontwerp van onze productieprocessen en producten, waarbij we ons richten op duurzaamheid, materiaalefficiëntie en compatibiliteit met gevestigde recyclageroutes. Meer details, onder meer voorbeelden van belangrijke processen en producten, zijn beschikbaar in rubriek E1-3 op pagina 234 en E5-2 op pagina 257 van dit hoofdstuk.
Bestendigheid: Het merendeel van onze producten is geïntegreerd in eindproducten, waardoor het een uitdaging is om voor elke productgroep algemeen beschikbare sectorgemiddelden te geven. We zorgen er echter wel voor dat onze producten ontworpen zijn voor duurzaamheid op lange termijn en dat ze waar nodig voldoen aan de industriële normen of deze zelfs overtreffen.
Repareerbaarheid: Door de aard van onze producten, die vaak integrale onderdelen zijn van grotere systemen of producten, hebben we geen controle over de repareerbaarheid van het eindproduct of de eindoplossing. Daarom bestaat er voor onze producten geen vast ratingssysteem voor repareerbaarheid.
Recycleerbare inhoud: Hoewel we geen directe controle hebben over het einde van de levensduur van onze oplossingen, streven we ernaar om samen te werken in de waardeketen met circulariteit in gedachten. Onze belangrijkste grondstof, staal, is het meest gerecycleerde materiaal ter wereld. Het zou technisch mogelijk moeten zijn om onze staalproducten aan het einde van hun levenscyclus te recycleren, zelfs als ze geïntegreerd zijn in het eindproduct of de eindoplossing. Voor meer informatie over onze lopende initiatieven om de recycleerbaarheid te verbeteren, verwijzen we naar rubriek E5-2.
ESRS E5-5 §35, §36 Bekaert Jaarverslag 2025 − 263 −
In 2025 zette Bridon-Bekaert Ropes Group zijn circulariteitsagenda in Chili verder door een innovatieve samenwerking op te starten om een van de eerste end-to-end-recyclageoplossingen van het land te creëren voor gebruikte mijnbouwmachinekabels – materialen die wereldwijd zelden worden gerecycleerd vanwege uitdagingen met inzameling en verwerking. Via dit pilootproject maakt Bekaert de recuperatie, het veilig beheer en de transformatie van afgedankte kabels naar koolstofarm bouwstaal mogelijk bij een toonaangevende producent van groen staal. Dit levert aanzienlijke milieuvoordelen op en vermindert tegelijkertijd de hoeveelheid afval voor belangrijke klanten. Het initiatief heeft al externe erkenning gekregen voor zijn recyclagepraktijken en effent de weg om dit model uit te breiden naar andere sectoren zoals haventerminals en aquacultuur. Dit is een belangrijke stap in de ambitie van BBRG om praktische, schaalbare circulaire oplossingen te realiseren die klanten helpen hun doelstellingen op het gebied van decarbonisatie te bereiken.
Afval
Al het staalschroot uit onze processen wordt gerecycleerd en gaat terug naar staalfabrieken voor hergebruik. Dit weerspiegelt ons streven naar efficiënt materiaalgebruik en minimalisering van afval, die fundamentele principes zijn van de circulaire economie. In 2025 werd 84% van het afval dat we genereren gerecycleerd.
| 2024 | 2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Totale hoeveelheid geproduceerd afval (in ton product) | Gevaarlijk afval | Niet- gevaarlijk afval | Gevaarlijk afval | Niet- gevaarlijk afval |
| Totaal | 90 860 | 100 549 | 87 623 | 111 175 |
| Totale hoeveelheid die niet wordt afgevoerd naar afvalverwijdering | ||||
| Voorbereiding voor hergebruik | 2 014 | 1 927 | 0 | 0 |
| Recycling | 61 760 | 92 436 | 64 349 | 102 819 |
| Verbranding met energierecuperatie | 931 | 171 | 479 | 278 |
| Totale hoeveelheid die wordt afgevoerd naar afvalverwijdering | ||||
| Verbranding zonder energierecuperatie | 3 565 | 78 | 4 127 | 128 |
| Gestort afval | 22 590 | 5 937 | 18 667 | 7 950 |
| Totaal niet-gerecycleerd afval | ||||
| absoluut getal | 33 272 | 31 630 | ||
| in % | 17% | 16% |
ESRS E5-5 §37, §39
De belangrijkste stromen aan gevaarlijk afval zijn:
* Gebruikte zuren van het beitsen van staaldraad, die hoge ijzerconcentraties bevatten
* Gebruikte smeermiddelen op waterbasis van het draadtrekken
* Slib van onze waterzuiveringsinstallaties, dat metaalhydroxiden bevat
Het ongevaarlijke afval bestaat voornamelijk uit schroot en verpakkingsmateriaal. De hierboven vermelde hoeveelheden zijn berekend op basis van de hoeveelheden die onze vestigingen in 2025 hebben verwijderd, zoals vermeld op facturen van afvalverwerkingsbedrijven of certificaten van lokale overheden.
ESRS E5-5 §38, §40 Bekaert Jaarverslag 2025 − 264 −
Sociale informatie S1
Eigen personeel
Materiële impacts, risico’s en kansen en hun wisselwerking met strategie en businessmodel (S1 - SBM-3)
In het kader van onze dubbele beoordeling van de materialiteit hebben we de volgende materiële gevolgen, risico's en kansen met betrekking tot ons eigen personeelsbestand geïdentificeerd:
Positieve impact
We verbeteren het welzijn en de arbeidsomstandigheden van medewerkers door te focussen op niemand schade berokkenen, medische plannen, hulpprogramma's en automatiseringsoplossingen.
Negatieve impact
Door de aard van de businessomgeving waarin we actief zijn, moeten we gezondheids- en veiligheidsrisico's aanpakken en focussen op de diversiteit van ons eigen personeel. We blijven deze topics aanpakken via verschillende programma's en initiatieven.
Risico
Het creëren van veilige werkomstandigheden en het aantrekken en ontwikkelen van talent zijn belangrijke vereisten voor de duurzaamheid van ons bedrijf. We investeren in programma's rond het naleven van veiligheidsvoorschriften en trekken talent aan om onze business te helpen groeien.
Opportuniteit
Innovatie stimuleren door talentontwikkeling, training en culturele diversiteit leidt tot rijkere ideeën, betere besluitvorming en hogere productiviteit. Deze strategie vergroot onze kans om het talent aan te trekken en te behouden dat we nodig hebben om in de toekomst succesvol te zijn.
De volgende subthema's zijn voor Bekaert materieel:
* Arbeidsomstandigheden: werkzekerheid, werktijden, evenwicht tussen werk en privé en gezondheid en veiligheid
* Gelijke behandeling en kansen voor iedereen: gendergelijkheid, opleiding en ontwikkeling van vaardigheden, diversiteit
Bepaalde materiële impacts, zoals gezondheids- en veiligheidsrisico's en diversiteitsratio's, zijn inherent aan de productieomgeving en de sectoren waarin we actief zijn. Andere impacts worden aangepakt via onze strategische plannen (zie ook ESRS 2 SBM3).
ESRS S1 SBM-3 §13
Onze rapportering heeft betrekking op alle individuen binnen ons eigen personeel die materieel geïmpacteerd zouden kunnen worden. Ons eigen personeel wordt in dit rapport als volgt ingedeeld:
* Medewerkers: medewerkers op de payroll, waaronder arbeiders, bedienden en managers.
* Medewerkers niet in loondienst: medewerkers die niet op onze payroll staan, maar onze medewerkers op de payroll aanvullen
Potentiële materiële negatieve impacts kunnen zich voordoen over regio’s heen (zoals impacts met betrekking tot onze productieprocessen) of meer gelinkt zijn aan specifieke regio’s waar we actief zijn (zoals diversiteitsratio's).We analyseren regelmatig onze prestaties op het gebied van gezondheid en veiligheid, talent- en personeelsbehoeften en diversiteitsratio's om vakgebieden of groepen mensen te identificeren die specifieke aandacht nodig hebben. ESRS S1.SBM-3 §14a,b §15 Met deze maatregelen willen we positieve impacts genereren voor alle medewerkers in alle regio’s. Tot nu toe hebben we geen materiële risico's of kansen geïdentificeerd die voortkomen uit de impacts en afhankelijkheden van ons eigen personeel. Verder hebben onze transitieplannen geen materiële impacts gehad op ons personeel. ESRS S1.SBM-3 §14c,d,e Op basis van onze huidige processen hebben we geen eigen activiteiten geïdentificeerd die een aanzienlijk risico lopen op incidenten met dwangarbeid, verplichte arbeid of kinderarbeid. ESRS S1.SBM -3§14f i, ii, g i, g ii
Bekaert Jaarverslag 2025 − 265 −
Beleid inzake eigen personeel (S1-1)
Respect voor mensenrechten
Mensenrechtenbeleid van Bekaert
Bekaert heeft een Mensenrechtenbeleid in voege dat ons engagement om de mensenrechten te respecteren en te promoten doorheen onze activiteiten en waardeketen onderstreept. Via ons engagement implementeren we de naleving van artikel 18 van de EU-Taxonomieverordening, wat betekent dat we in overeenstemming zijn met de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen en de leidende beginselen van de Verenigde Naties inzake bedrijfsleven en mensenrechten, waaronder de principes en rechten die zijn vastgelegd in de acht fundamentele conventies die zijn geïdentificeerd in de Verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie inzake de Fundamentele Principes en Rechten op het Werk en de International Bill of Human Rights.
Zoals beschreven in het beleid:
* Zorgen we ervoor dat de operationele procedures van ons bedrijf een omgeving creëren waarin mensenrechten worden gerespecteerd.
* Proberen we risico's en negatieve impacts op mensenrechten te minimaliseren door adequate due diligence op het gebied van mensenrechten na te streven.
* Zorgen we voor het systematisch identificeren, voorkomen, beperken, monitoren en herstellen van potentiële of werkelijke risico's en hun impact op mensen.
Bekaerts mensenrechtenbeleid is beschikbaar op onze website en is van toepassing op alle medewerkers van Bekaert en alle personen die Bekaert vertegenwoordigen. Bovendien bevorderen we de beleidsprincipes in onze toeleveringsketen en gaan we met klanten in gesprek over deze principes. Het mensenrechtenbeleid is goedgekeurd door het Uitvoerend Management. De rollen en verantwoordelijkheden worden duidelijk beschreven in ons beleid. De belangrijkste principes van ons mensenrechtenbeleid zijn weerspiegeld in onze Gedragscode. Managers en bedienden bevestigen hun toewijding via de jaarlijkse e-learning over onze Gedragscode. Voor arbeiders wordt het nalevingsproces uitgerold via live voorlichtingssessies over de Gedragscode, als onderdeel van een driejaarlijkse vernieuwingscyclus. In 2025 hebben we een speciale e-learningcursus over mensenrechten aan ons opleidingsprogramma toegevoegd, die alle managers met succes hebben afgerond. ESRS S1-1 §19, ESRS S1-1 §20a, b, c, ESRS S1-1 §21, ESRS S1-1 §22
Bekaert Gedragscode
De Bekaert Gedragscode beschrijft hoe we onze Bekaert-waarden in de praktijk omzetten en welk leiderschapsgedrag we verwachten van elke Bekaert-medewerker. Onze Gedragscode omvat, naast andere elementen, belangrijke domeinen met betrekking tot mensenrechten, non- discriminatie, kinderarbeid en dwangarbeid, cyberveiligheid en dataprivacy, ethiek en integriteitsprincipes op de werkplek en bij het zakendoen. De Gedragscode geeft expliciet aan dat deze van toepassing is op al onze medewerkers: we bevorderen gelijke kansen en discrimineren niet tegen medewerkers of sollicitanten op basis van de classificatie die in het bedrijfsbeleid wordt vermeld of door de wet wordt beschermd, of tegen groepen die een bijzonder risico lopen of kwetsbaar zijn. De Gedragscode van Bekaert geldt voor alle medewerkers, executive officers en bestuurders en we verwachten van onze leveranciers en zakenpartners dat ze dezelfde normen hanteren. Rollen en verantwoordelijkheden zijn duidelijk beschreven. De Bekaert Gedragscode werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur.
De Bekaert Gedragscode beschrijft ook de klachtenprocedures die we hebben ingesteld. Ons Speak Up-proces wordt voortdurend gepromoot: deze klachtenprocedure is openbaar beschikbaar en kan door iedereen worden gebruikt om bezorgdheden te melden. De inkomende meldingen geven ons informatie over mogelijke thema's en verbeterpunten. Daarnaast worden er binnen Bekaert meerdere initiatieven geïmplementeerd om te communiceren over bezorgdheden van groepen die een bijzonder risico lopen of kwetsbaar zijn, bv. via de jaarlijkse enquête naar de betrokkenheid van de medewerkers, vertrouwenspersoon, lijnmanagement, vakbondsafgevaardigden, Employee Assistant Program (EAP) enz. De gedragscode van Bekaert is beschikbaar op onze website in de taal van de landen waar we actief zijn. Via de jaarlijkse verplichte training over de gedragscode en de andere live nalevingsopleidingen en e-learnings verhogen we het bewustzijn rond risico's en de bestaande beleidsregels en processen voor het beheren van de risico's. ESRS S1-1 §19, ESRS S1-1 §20a, b, c, ESRS S1-1 §21, ESRS S1-1 §22, ESRS S1-1 §24a, b, c, d
Bekaert Jaarverslag 2025 − 266 −
Welzijn en evenwicht tussen werk en privé
Bekaert heeft een wereldwijde richtlijn voor hybride werken die werken vanuit een Bekaert- vestiging combineert met werken op afstand of vanuit een thuiskantoor. Het hybride werkmodel draagt bij aan het verhogen van de betrokkenheid, het welzijn en de productiviteit met meer flexibiliteit om werk en privéleven te organiseren, terwijl de band met collega's en de bedrijfscultuur sterk blijft. In principe geldt het voor alle medewerkers, met dien verstande dat hybride werken voor bepaalde groepen medewerkers op de werkvloer alleen mogelijk is als de activiteiten dat toelaten. Het beleid voor hybride werken is goedgekeurd door de Chief Human Resources Officer. Het is in het Engels beschikbaar op ons intern intranet en wordt lokaal uitgerold.
Bekaert heeft een wereldwijd ouderschapsprogramma dat in fasen wordt uitgerold. Het programma heeft tot doel in alle landen een minimumnorm voor ouderschapsverlof vast te stellen, waarbij gelijke verantwoordelijkheden voor beide ouders, werkzekerheid en financiële stabiliteit worden gewaarborgd, terwijl tegelijkertijd rekening wordt gehouden met de lokale wetgeving en sociale voorzieningen. Het wereldwijde ouderschapsprogramma werd goedgekeurd door het Uitvoerend Management. ESRS S1-1 §19
Opleiding en ontwikkeling van vaardigheden
Bekaerts wereldwijde opleiding- en ontwikkelingsprocedure is ontworpen om de groei van onze medewerkers te ondersteunen. Ze beschrijft het doel, de opzet en de richtlijnen van onze ontwikkelingsprogramma's en zorgt voor een consistente en gestructureerde aanpak van leren doorheen het hele bedrijf. Deze procedure is gealigneerd met de bedrijfsstrategie, biedt duidelijke normen voor het leerproces en de systemen die we gebruiken, en is toegankelijk voor alle medewerkers via het documentbeheersysteem van Bekaert. Bovendien hebben we lokale leer- en ontwikkelingsprocedures die voortbouwen op de globale procedure, zodat alle medewerkers, inclusief arbeiders, gebruik kunnen maken van een gestructureerde en consistente aanpak van opleiding. De lokale procedures zijn afgestemd op de specifieke behoeften van elk land en zijn beschikbaar in de lokale taal via het documentbeheersysteem van Bekaert, zodat elke medewerker toegang heeft tot relevante opleidings- en ontwikkelingsmogelijkheden. De wereldwijde opleiding- en ontwikkelingsprocedure van Bekaert werd goedgekeurd door de Chief Human Resources Officer.
Diversiteit en inclusie
Als wereldwijde markt- en technologieleider met meer dan 19 000 medewerkers in 36 landen is Bekaert van nature een diverse werkomgeving. We geloven dat deze diversiteit ons perspectief helpt te verrijken. Wij geloven dat een werkomgeving waar iedereen zich gerespecteerd, betrokken en gesterkt voelt, samenwerking, creativiteit en innovatie bevordert. Onze diverse en inclusieve cultuur helpt ons om een betere weerspiegeling te zijn van de gemeenschappen waarin we actief zijn. Onze toewijding aan deze principes is verankerd in de Bekaert Gedragscode, die de leidraad vormt voor onze manier van samenwerken en communiceren met alle stakeholders. Onze aanpak is geworteld in onze bedrijfswaarden, die zich vertalen in inclusief gedrag en een inclusieve mentaliteit.
* Vertrouwen – We waarderen en respecteren de unieke ervaringen en perspectieven die iedereen inbrengt.
* Integriteit – We handelen eerlijk en omarmen individualiteit in al haar vormen.
* Wendbaarheid – We passen ons aan de uiteenlopende behoeften en ambities van onze mensen aan, en stimuleren flexibiliteit en verbondenheid.
* Durf – We moedigen openheid voor nieuwe ideeën aan en ondersteunen het leren door te experimenteren.
Onze D&I-principes zijn goedgekeurd door de Chief Human Resources Officer en worden in de hele organisatie gedeeld via onze interne platforms.
Gezondheid en veiligheid
Bekaert hanteert een wereldwijd SH&E-beleid (Safety, Health, and Environment) dat de basis legt voor het bevorderen van een cultuur van respect en naleving. Dit beleid beschrijft de principes, normen en processen die we toepassen om risico's te identificeren, verminderen of elimineren en veilige en gezonde werkomstandigheden te garanderen. Het toont ook aan dat we in overeenstemming zijn met internationaal erkende beheersystemen. Het beleid van Bekaert inzake Veiligheid, Gezondheid en Milieu is goedgekeurd door de Gedelegeerd Bestuurder en is van toepassing op alle medewerkers en iedereen die in onze vestigingen werkt of er een bezoek brengt. Rollen en verantwoordelijkheden zijn duidelijk beschreven.Het beleid van Bekaert inzake Veiligheid, Gezondheid en Milieu is beschikbaar in het Engels op onze website. Lokale taalversies zijn Bekaert Jaarverslag 2025 − 267 − beschikbaar op ons intranet en in ons documentbeheersysteem.
ESRS S1-1 §19, ESRS S1-1 §23 Hoe we met ons eigen personeel overleggen (S1-2)
Communiceren met en engageren van onze medewerkers
Het engageren en empoweren van onze medewerkers is altijd belangrijk geweest binnen Bekaert. We empoweren al onze teams met verantwoordelijkheid, autoriteit en aansprakelijkheid en rekenen op het engagement van elke Bekaert-medewerker om de prestaties te verbeteren.
- Bekaert voert jaarlijks een wereldwijde enquête uit om de betrokkenheid van medewerkers op alle niveaus en locaties van de organisatie te meten. De enquête wordt uitgevoerd door een externe dienstverlener, zodat alle input vertrouwelijk blijft. In 2025 bereikten we een deelnamegraad van 84% (+3% ten opzichte van 2024) en een betrokkenheidsgraad van 72% (+3% ten opzichte van 2024). We zetten de dialoog verder om goed te begrijpen hoe medewerkers het werken bij ons ervaren, waar we vooruitgang boeken, en waarin we kunnen verbeteren. We gebruiken de resultaten van de enquêtes actief om onze verbeteringsdoelstellingen te identificeren en om initiatieven te implementeren die onze medewerkers helpen om hun volle potentieel te ontsluiten.
- Elk kwartaal nodigen de Gedelegeerd Bestuurder en CFO van Bekaert alle managers en bedienden van over heel de wereld uit om deel te nemen aan interne webcasts over de financiële resultaten. Ze delen informatie over Bekaerts prestaties en de te nemen acties en beantwoorden vragen. De sessies worden opgenomen en kunnen achteraf (her)bekeken worden via ons intern videoplatform.
- Naast de financiële updates per kwartaal worden medewerkers ook uitgenodigd op Communication Town Halls (wereldwijd, regionaal en per divisie of functie) die worden georganiseerd door de Gedelegeerd Bestuurder, leden van het Uitvoerend Management en leidinggevende teams per land. Zij delen updates over marktontwikkelingen, genomen beslissingen en nieuwe of geïmplementeerde strategieën. Deze sessies stimuleren interactie onder alle deelnemers. Er wordt rekening gehouden met de input van medewerkers over de onderwerpen die tijdens deze sessies aan bod komen en achteraf wordt feedback gegeven.
- Het Bekaert Intranet is een plek waar medewerkers kennis kunnen delen en bekomen, snel relevante informatie kunnen vinden, met collega's in contact kunnen komen, kunnen samenwerken met teamleden rond gemeenschappelijke ontwikkelingsprogramma's en actief kunnen bijdragen aan doeltreffende communicatie binnen de onderneming. Bovendien worden het interne socialemediaplatform Viva Engage en het videoplatform intensief gebruikt om best practices, ideeën en mijlpalen te delen. Onze medewerkers ontvangen regelmatig interne nieuwsbrieven met bedrijfsboodschappen en businessupdates.
ESRS S1-2 §27a, b, d, e De Chief Human Resources Officer heeft de operationele verantwoordelijkheid voor initiatieven op het gebied van werknemersbetrokkenheid. ESRS S1-2 §27c
Vakbonden en collectieve arbeidsovereenkomsten
Communicatie omvat ook het uitwisselen van informatie en onderhandelen met vakbonden. We erkennen het recht van iedere medewerker om zich al dan niet bij een vakbond aan te sluiten. 74% van onze medewerkers wereldwijd valt onder een collectieve arbeidsovereenkomst. Overeenkomsten met vakbonden worden lokaal gesloten en omvatten gewoonlijk de volgende elementen:
- Gezondheids- en veiligheidsthema's zoals persoonlijke beschermingsmiddelen, het recht om onveilig werk te weigeren, inspecties, audits en onderzoeken naar ongevallen
- Gezondheids- en veiligheidscommissies bestaande uit managers en medewerkers en deelname van werknemersvertegenwoordigers aan aangelegenheden rond gezondheid en veiligheid
- Werktijden
- Training en opleiding
- Mechanismen voor klachtenprocedures
- Periodieke controles
ESRS S1-2 §27d Met betrekking tot mensenrechten heeft Bekaert een mensenrechtenbeleid dat ontworpen is om de organisatie te aligneren met ons engagement om mensenrechten te respecteren. Meer informatie is beschikbaar in rubriek S1-1 op pagina 265. ESRS S1-2 §27d
Comités voor Veiligheid, Gezondheid en Milieu
Ons voltallige personeel is vertegenwoordigd in onze Comités voor Veiligheid, Gezondheid en Milieu dat bestaat uit comités van management Bekaert Jaarverslag 2025 − 268 − en medewerkers die zich bezighouden met gezondheids-, veiligheids- en milieuthema's. Deze raden helpen bij het monitoren, verzamelen van inzichten en het geven van advies over programma's voor gezondheid en veiligheid op het werk en over milieuprogramma's. ESRS S1-2 §27a
Speak up ! Onze processen en tool om negatieve gevolgen te herstellen (S1-3)
In 2025 bleef Bekaert de Speak Up- rapporteringstool promoten. Alle stakeholders, zoals medewerkers en externe stakeholders, waaronder leden van lokale gemeenschappen en medewerkers uit de waardeketen van Bekaert, hebben toegang tot de tool en worden aangemoedigd om hun integriteitsbezorgdheden en/of grieven te melden via de Speak Up-tool. Alle meldingen worden vertrouwelijk behandeld door de specifieke afdeling 'Ethics and Compliance' van Bekaert. De tool is één van de communicatiemiddelen om vragen te stellen of bezorgdheden kenbaar te maken. De tool maakt vertrouwelijke tweerichtingscommunicatie mogelijk tussen Group Ethics and Compliance en een anonieme of bij naam genoemde melder in 15 talen. Medewerkers worden aangemoedigd om hun bezorgdheid te uiten op de manier die zij het comfortabelst vinden. Ze kunnen ook terecht bij hun HR-vertegenwoordiger, bij het team Compliance of Interne Audit of bij hun directe manager of leidinggevende. ESRS S1-3 §32a, b, c, d
De bekendheid van het Speak Up-programma wordt op meerdere manieren versterkt: Het Speak Up-proces is sterk aanwezig in de e- learning over de Gedragscode die in ongeveer 15 talen beschikbaar is voor alle medewerkers met toegang tot ons Learning Management System. Andere medewerkers, voornamelijk arbeiders, worden tijdens onboarding geïnformeerd en daarna regelmatig herinnerd. Om de drie jaar krijgen ze een mondelinge update van de Gedragscode. Speak Up maakt ook periodiek deel uit van de communicatie van de Gedelegeerd Bestuurder en het senior management. Daarnaast voert Bekaert voortdurend een Speak Up-campagne via communicatiemateriaal dat in zijn kantoren en fabrieken wordt opgehangen. Speak Up is ook opgenomen in andere actuele compliance- opleidingen, als herinnering. ESRS S1-3 §33
Ons Onderzoeksprotocol waarborgt de kwaliteit en consistentie van onze onderzoeken en interne rapporteringsverplichtingen met betrekking tot geuite bezorgdheden. Elke aantijging wordt grondig onderzocht. Er worden corrigerende maatregelen genomen voor alle gegronde gevallen en voor die gevallen waarin verbeterpunten aan het licht komen. Alle binnenkomende meldingen worden behandeld met de hoogste graad van confidentialiteit. Bekaert neemt alle nodige maatregelen om medewerkers te beschermen tegen elke vorm van vergelding bij het melden van een bezorgdheid. Om de mogelijke negatieve impacts op de mensenrechten van de eigen medewerkers en de medewerkers in de waardeketen te herstellen, controleert Group Ethics and Compliance de uitvoering van de actieplannen voor mogelijke gegronde bezorgdheden en rapporteert het intern over de gevallen met een hoger risico of negatieve impacts aan het Regional and Group Compliance Committee. ESRS S1-3 §32e
In 2025 werden 149 integriteitsaantijgingen gemeld via onze kanalen voor integriteitsrapportering. Elke aantijging werd grondig onderzocht. Indien nodig werden corrigerende maatregelen genomen voor alle gegronde gevallen en voor die gevallen waar verbeterpunten aan het licht kwamen. Alle binnenkomende meldingen worden behandeld met de hoogste graad van confidentialiteit. Bekaert neemt alle nodige maatregelen om medewerkers te beschermen tegen elke vorm van vergelding bij het melden van een bezorgdheid.
Onze acties om materiële impacts, risico's en kansen inzake ons eigen personeel te beheren (S1-4)
Mensenrechten
In de loop van 2024 voerde Bekaert een beoordeling uit van de impact op de mensenrechten en de tekortkomingen. De beoordelingen identificeerden, in overeenstemming met de vereisten van de leidende beginselen van de Verenigde Naties inzake bedrijfsleven en mensenrechten, de potentiële en feitelijke meest ernstige negatieve ("salient") impacts op de mensenrechten in de activiteiten en waardeketen van Bekaert. Deze "salient" risico's zijn inherent aan:
- kenmerken van de sector, d.w.z. recht op leven en gezondheid, gerelateerd aan sector- specifieke veiligheidsrisico’s
- geografische voetafdruk; d.w.z. recht op Bekaert Jaarverslag 2025 − 269 − vrijheid van meningsuiting, geweten en godsdienst
Uit deze studie bleek dat we al een sterke nalevingspraktijk en -cultuur hebben. Ze stelt verbeterpunten voor die door Group Ethics en Compliance zullen worden opgevolgd. In 2025 hebben we verdere stappen gezet in een aantal verbetermaatregelen. We hebben bijvoorbeeld een nieuw ontwikkelde wereldwijde e-learningcampagne over mensenrechten geïntroduceerd. In 2026 gaan we door met de uitvoering van ons 3‑jarig verbeteringsactieplan. ESRS S1-4 §39
Integriteit
Bekaerts engagement op het vlak van integriteit, ethiek en naleving begint bij de Raad van Bestuur (Raad) en het Uitvoerend Management. Het Audit, Risk en Finance-comité (ARFC) van de Raad komt elk kwartaal samen om Bekaerts complianceprogramma met betrekking tot de Gedragscode te evalueren. Bekaert rapporteert tweemaal per jaar integriteitscijfers aan het Uitvoerend Management en ARFC. Bekaerts Gedelegeerd Bestuurder en andere senior leiders communiceren regelmatig met de medewerkers over het belang van compliance.Door middel van Town Hall-vergaderingen, personeelsvergaderingen, boodschappen die via rechtstreekse medewerkers worden verspreid, in e-mailcommunicatie naar medewerkers en verplichte complianceopleidingen, benadrukt het senior leiderschap het belang van integriteit en compliance en de verantwoordelijkheid van elke medewerker om het juiste te doen. Bestaande risicogebieden worden voortdurend gemonitord door het Senior Management en het Ethics and Compliance-team en herzien aan de hand van periodieke risicobeoordelingen, die hebben geleid tot het bijwerken van beleidsregels, digitalisering van processen en nieuwe beleidsregels. In 2025 hebben we lokale taalversies van ons beleid inzake belangenconflicten verder geïmplementeerd, hebben we zowel ons AI- als ons privacybeleid en onze procedures vernieuwd en hebben we een nieuw beleid voor gegevensbewaking geïntroduceerd. Ons aanwervingsbeleid schrijft voor dat elke nieuwe medewerker een exemplaar van onze Gedragscode ontvangt. Elk jaar wordt van onze bedienden en kaderleden verwacht dat ze de Bekaert Gedragscode lezen en hun engagement voor de principes van de code en de Bekaert- waarden herbevestigen. 100% van de managers en 100% van de bedienden hernieuwden hun engagement voor de Gedragscode in 2025. Arbeiders worden op regelmatige tijdstippen opnieuw geïnformeerd over de Gedragscode en krijgen om de 3 jaar een speciale live opleiding.
Gezondheid en veiligheid
In 2025 hebben zich bij Bekaert drie arbeidsongevallen met dodelijke afloop voorgedaan. De Raad van Bestuur, het management en alle medewerkers van Bekaert betreuren het tragische verlies aan mensenlevens ten zeerste. We kunnen het verleden niet veranderen, maar ter nagedachtenis aan de slachtoffers kunnen en moeten we de toekomst veranderen. We beseffen dat veiligheid een continu proces is. Er is grondig onderzoek gedaan naar de oorzaken en we hebben onze absolute toewijding aan veiligheid hernieuwd, zodat we samen een werkomgeving kunnen creëren die niemand schade berokkent. In 2025 mobiliseerde het leiderschap al onze teams wereldwijd om de veiligheidsmaatregelen te versterken die ervoor zorgen dat iedereen elke dag veilig naar huis kan gaan. We hebben dit gedaan door middel van verschillende maatregelen en in meerdere mededelingen aan de medewerkers.
De wereldwijde veiligheidsaanpak van Bekaerts is ontworpen om een risico-gecontroleerde werkomgeving te garanderen voor alle medewerkers, aannemers en bezoekers van onze vestigingen. We erkennen dat zorg voor mensen fundamenteel is voor zakelijk succes. Om dit te realiseren, moeten we ons houden aan een uitgebreide reeks normen die zijn gebaseerd op zowel interne principes als externe compliance- eisen, terwijl we een cultuur van leiderschap, verantwoordelijkheid en voortdurende verbetering stimuleren.
Globaal Gezondheids- & Veiligheidsraamwerk Becare
In 2025 hebben we de volgende stappen gezet om het Global Bekaert Health & Safety Framework BeCare, dat in 2016 werd gelanceerd, verder te verbeteren, meer bepaald op twee hoekstenen van uitmuntendheid op het vlak van veiligheid, gezondheid en milieu: een solide SH&E-beheersysteem gebaseerd op internationale normen en een sterke gezondheids- en veiligheidscultuur. Dit kader leidt alle medewerkers naar dezelfde veiligheidsmentaliteit en hetzelfde veiligheidsgedrag.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 270 −
Beheersysteem voor gezondheid en veiligheid
Bekaert heeft een uitgebreide reeks gezondheids- en veiligheidsnormen opgesteld die van toepassing zijn op alle vestigingen wereldwijd die onder onze controle vallen, en die een consistente en gestandaardiseerde aanpak van processen en acties binnen de hele groep verzekeren. We geloven ook in het belang van de Plan Do Check Act (PDCA)-cyclus van voortdurende verbetering, die is ingebed in ons SH&E- beheersysteem. In 2025 hebben we belangrijke wereldwijde normen herzien, waaronder de norm voor werkvergunningen, werken op hoogte, aannemersbeheer, voorbereiding op noodsituaties en laden en lossen. We hebben deze beoordeling aangevuld met een gericht opleidingsprogramma voor de belangrijkste stakeholders om het bewustzijn te vergroten en een consistente toepassing van deze normen te garanderen. We hebben gekozen voor een hybride leren-aanpak waarbij webinars onder leiding van experts worden gecombineerd met interactieve e-learningmodules en kennischecks.
Ons leiderschap benadrukt voortdurend het cruciale belang van gezondheid en veiligheid in de hele organisatie. Gezondheid en veiligheid vormen een vast agendapunt voor besprekingen van het Senior Management. In 2025 werden tijdens vergaderingen van het Uitvoerend Management presentaties gegeven door twee fabrieksmanagers, die inzichten in prestaties en best practices deelden om onze veiligheidscultuur verder te versterken. Bovendien begint elke Global Town Hall met een speciale update over gezondheid en veiligheid om ervoor te zorgen dat bewustwording een topprioriteit blijft. We zijn er ons van bewust dat, naast de gedragscomponent, de veiligheid van uitrusting van het hoogste belang is in onze inspanningen om onze veiligheidsprestaties te verbeteren. Daarom hebben we een veiligheidsstandaard voor uitrusting die de compliancevereisten beschrijft voor alle nieuwe en bestaande uitrusting. Bekaert zet zijn risicogebaseerd veiligheidsinvesteringsprogramma verder om geïdentificeerde risico's te verminderen en zo een veilige omgeving te creëren voor iedereen op de werkvloer. In 2025 voerde het SH&E team van de Groep inspecties uit in 40 vestigingen volgens een gestandaardiseerde methodologie en met de ondersteuning van een smartphone-app om de bevindingen te documenteren en onze vestigingen in staat te stellen gemakkelijker actie te ondernemen. Al onze eigen medewerkers vallen onder ons gezondheids- en veiligheidsbeheerssysteem dat is gebaseerd op wettelijke vereisten en/of erkende normen of richtlijnen en dat intern is gecontroleerd en/of gecontroleerd of gecertificeerd door een externe partij.
Gezondheids- & veiligheidscultuur
Al onze medewerkers moeten zich houden aan onze Regels die Levens Redden, die zijn opgesteld als het gewenste gedrag in 10 gevaarlijke situaties die de grootste risico op een dodelijke afloop hebben. Ze zijn van toepassing op iedereen: medewerkers, aannemers en bezoekers. Bovendien gelden ze niet enkel op de werkplek, maar zijn ze ook thuis en op de weg sterk aanbevolen. Het naleven van deze regels is een voorwaarde voor tewerkstelling in en toegang tot onze vestigingen. Het volgen van deze regels en anderen helpen om dit te doen zal levens redden. Daarom zijn er gevolgen van toepassing voor wie de Regels die Levens Redden niet volgt. Om onze veiligheidsprestaties te verbeteren, hebben we in 2025 wereldwijd een beoordeling van het veiligheidsklimaat en de klimaatcultuur uitgevoerd om onze huidige situatie te meten met een internationaal erkende en gevalideerde methodologie (NOSACQ-50). De resultaten dienen als leidraad voor gerichte verbeteracties.
Gezondheids- en veiligheidsweek
Elk jaar organiseren we een wereldwijde Gezondheids- en veiligheidsweek voor al onze medewerkers om hen voortdurend bewust te maken van gezondheids- en veiligheidsrisico's. In 2025 was de Gezondheids- en veiligheidsweek gericht op het verbeteren van onze collectieve mentaliteit rond risicobeheer. Wanneer iedereen bij Bekaert waakzaam is voor het identificeren van potentiële gevaren en zich engageert om risico's te minimaliseren, creëren we een veiligere en gezondere werkomgeving voor iedereen. Een hoog risicobewustzijn en een lage risicotolerantie zijn essentieel om schade te voorkomen – niet alleen vanuit het oogpunt van onmiddellijke veiligheidsincidenten, maar ook vanuit het oogpunt van gezondheid op de lange termijn, zoals blootstelling aan lawaai, ergonomie en andere risico's op de werkplek. Om deze mentaliteit te ondersteunen, moedigen we alle medewerkers aan om actief gebruik te maken van onze tools voor risicobeheer: SEA en OILS.
* SEA (Stop, Evaluate, Adjust) moedigt snelle actie aan wanneer gevaren worden
Bekaert Jaarverslag 2025 − 271 −
gedetecteerd, zodat risico's worden beoordeeld en beperkt voordat het werk wordt voortgezet.
* OILS (Observe, Impact, Listen, Suggest) stimuleert open communicatie tussen elkaar. Door anderen te observeren en hen te wijzen op hun onveilig gedrag, naar hun feedback te luisteren en verbeteringen voor te stellen, bevorderen we een samenwerkingsomgeving waarin iedereen betrokken is bij het handhaven van elkaars gezondheid en veiligheid.
We stimuleren een 'Speak Up'-cultuur waarin iedereen zich veilig voelt om een onveilige situatie te melden en ideeën voor veiligere manieren van werken te delen, wat leidt tot continue verbetering en een sterkere veiligheidscultuur. Door samen te werken en deze principes en hulpmiddelen te omarmen, kunnen we zinvolle vooruitgang boeken richting een werkomgeving waarin iedereen het als zijn verantwoordelijkheid beschouwt om een werkomgeving te creëren die niemand schade berokkent.
Een gezonde werkomgeving
Omdat gezondheid en veiligheid nauw met elkaar verbonden zijn, geloven we dat elk initiatief dat gericht is op het creëren en behouden van een gezonde werkomgeving ook een positief effect heeft op de belangrijkste veiligheidsdoelstellingen, waaronder het verminderen van het aantal incidenten. We controleren omstandigheden in de werkomgeving zoals lawaai, stof, ergonomie en temperatuur. We hebben normen gedefinieerd en verbeteren onze apparatuur voortdurend. Alle medewerkers en onderaannemers die wereldwijd in de fabrieken van Bekaert werken, dragen de veiligheids- en gezondheidsuitrusting om de risico's op verwondingen en gezondheidsschade te vermijden. Deze omvat uniformen, stoffilters, oog- en gehoorbescherming, en hijs- en takelapparatuur om spoelen, haspels en paletten ergonomisch te heffen en te verplaatsen. Doorheen het bedrijf wordt speciale aandacht besteed aan het omgaan met en opslaan van chemicaliën.Een databank houdt alle chemicaliën bij die in onze fabrieken gebruikt worden en er gelden strenge gezondheids- en veiligheidsrichtlijnen voor alle medewerkers. Medewerkers die worden blootgesteld aan potentieel gevaarlijke materialen doorlopen een verplichte medische controle. We ontwikkelen en optimaliseren technieken en processen die de nood aan gevaarlijke chemicaliën tijdens warmtebehandelingen elimineert. Tijdens onze Gezondheids- en veiligheidsweek werd speciale aandacht besteed aan ergonomie op kantoor. Medewerkers werden uitgenodigd deel te nemen aan webinars met duidelijke richtlijnen voor een optimale kantoorinrichting en praktische oefeningen. Daarnaast hebben we materialen en stap-voor-staphandleidingen verspreid om gezonde werkgewoonten te ondersteunen. ESRS S1-14 § 88a, ESRS S1-14 § 90
Diversiteit en inclusie
Bij Bekaert streven we naar een werkomgeving waar iedereen zich gerespecteerd en betrokken voelt en de kans krijgt om zijn of haar unieke perspectieven in te brengen. Met de steun van het Uitvoerend Management blijven we het bewustzijn verhogen en medewerkers aanmoedigen om zich actief in te zetten voor een inclusieve werkomgeving. Onze aanpak legt de nadruk op geleidelijke, betekenisvolle vooruitgang – het versterken van de fundamenten waardoor diversiteit en inclusie organisch kunnen groeien in de hele organisatie.
Verankeren van D&I in leiderschapsontwikkeling
We hebben D&I-principes geïntegreerd in onze leiderschaps- en leerprogramma's om ervoor te zorgen dat onze leiders inclusief gedrag en een inclusieve mentaliteit stimuleren. Deze programma's bevorderen bewustzijn, empathie en samenwerking en ondersteunen een omgeving waarin alle collega's zich kunnen ontplooien.
Bevorderen van eerlijke en rechtvaardige aanwervingspraktijken
Ons aanwervings- en loopbaanontwikkelingsbeleid is gebaseerd op vaardigheden, ervaring en prestaties. Dit omvat onder meer het gebruik van genderneutrale functiebeschrijvingen en het werken aan het verminderen van onbewuste vooroordelen tijdens het hele selectieproces. Om als bedrijf te floreren, geven we prioriteit aan het creëren van uiterst bekwame medewerkers. We blijven ons inzetten voor het opbouwen van een organisatie die diversiteit waardeert, dialoog aanmoedigt en kansen creëert voor iedereen om zijn of haar volledige potentieel te bereiken.
Welzijn/werk-privé balans
Bekaert biedt een wereldwijd hulpverleningsprogramma voor medewerkers (EAP) aan dat zich richt op medewerkers en hun gezinnen en emotionele steun, financiële en juridische begeleiding biedt. 100% van de medewerkers in de dochterondernemingen van Bekaert heeft toegang tot dit programma. In verschillende entiteiten lopen er bovendien Bekaert Jaarverslag 2025 − 272 − bijkomende programma's voor mentaal welzijn. In 2025 hebben we een reeks van 15 webinars over verschillende welzijnsthema's gegeven aan een globaal publiek in 3 talen: Engels, Chinees en Spaans. Naast de opgenomen webinars is er voor alle medewerkers extra materiaal voor zelfstudie beschikbaar op ons intranet. Onze EAP-partner stelt alle medewerkers van Bekaert gratis een zelfevaluatietool ter beschikking die hen helpt potentiële risico's te identificeren. We geven ook informatie op maat over hoe de risico's kunnen worden aangepakt en bieden uitgebreide leeroplossingen voor gerelateerde onderwerpen. Bekaert heeft een wereldwijd hybride werkmodel. We verwijzen naar S1-1 op pagina 265 voor meer informatie. Bekaert voert jaarlijks een enquête rond medewerkersbetrokkenheid uit. Meer informatie over de enquête en de resultaten voor 2024 is beschikbaar in rubriek S1-2 op pagina 267.
Leren en ontwikkelen
Onze leerportfolio biedt een breed scala aan opleidingen die regelmatig worden herzien en verbeterd om de vaardigheden van onze medewerkers in het hele bedrijf te ontwikkelen. We maken een onderscheid tussen ons wereldwijde portfolio, onze Bekaert University en ons lokale portfolio. Ons wereldwijde portfolio biedt opleidingen aan op het gebied van harde en zachte vaardigheden via een interface met een extern leerplatform om aan de behoefte van onze gevarieerde groep medewerkers te voldoen. Om effectieve samenwerking over de grenzen heen te bevorderen, investeert Bekaert verder in het verbeteren van de taalvaardigheden van zijn medewerkers. In 2025 zetten we de tweewekelijkse Learning Friday-sessies voort. Via boeiende webinars brachten we verschillende onderwerpen onder de aandacht van onze medewerkers in het Engels, Spaans en Chinees. Alle webinars worden opgenomen en beschikbaar gesteld aan al onze medewerkers. Ons lokale portfolio wordt beheerd door ons lokale leerteam, dat zich richt op specifieke verplichte en wettelijk voorgeschreven opleidingen binnen een land en met respect voor de taalvereisten.
Onze Bekaert University biedt meer dan 400 cursussen op verschillende gebieden, georganiseerd in 11 actieve Bekaert Academies, die onze medewerkers helpen om hun capaciteiten te vergroten en nieuwe vaardigheden te ontwikkelen. Bijvoorbeeld: de Safety, Health and Environment Academy richt zich op operationele leiders en helpt hen de vaardigheden te verwerven die nodig zijn om de veiligheid in onze activiteiten te verbeteren. De Technology Academy richt zich op het continu aanbieden van opleidingen over kerntechnologieën, naast toepassingsspecifieke cursussen. De Leadership Academy biedt een scala aan programma's gericht op drie niveaus van leiderschap: hoe leid je jezelf, hoe leid je anderen en hoe leid je de activiteit. De Leadership Academy biedt ook specifieke ontwikkelingsprogramma's voor high potentials. De Sustainability Academy biedt expertise, kennis en vaardigheden voor onze medewerkers die werkzaam zijn in specifieke businesses. In 2025 is er een gloednieuwe Quality Academy opgericht om de kennis, vaardigheden en mentaliteit te bieden die nodig zijn om consistente prestaties van hoge kwaliteit te leveren in de hele organisatie.
De Quality Academy van Bekaert, ons wereldwijde leercentrum, is gewijd aan het versterken van kwaliteitsexpertise en het stimuleren van uitmuntendheid in de hele organisatie. Dit platform bevordert voortdurende verbetering, zorgt voor consistentie in beheersystemen en bereidt teams voor op certificering en audits. Door middel van gerichte opleidingen en praktische hulpmiddelen stimuleert de Quality Academy de medewerkers wereldwijd om elke dag hoogkwalitatieve prestaties te leveren.
Innovate & Connect
Bij Bekaert koesteren we een cultuur van innovatie door de capaciteiten binnen onze organisatie actief te verbinden en te versterken. Het hele jaar door organiseren we meerdere Innovate & Connect- evenementen die interne teams, externe experts en onderzoekspartners samenbrengen. Deze evenementen dienen als platform voor onze medewerkers om kennis uit te wisselen, lopende projecten te presenteren en nieuwe technologieën en marktkansen te verkennen, terwijl projectteams profiteren van Bekaert Jaarverslag 2025 − 273 − diverse feedback die helpt om knelpunten weg te nemen en oplossingen te verfijnen. Onze interne teams presenteren de wetenschappelijke en technische grondslagen achter hun projecten, wat zorgt voor meer duidelijkheid en afstemming tussen de teams. Daarnaast demonstreren onze expertiselaboratoria nieuwe analytische technieken en laten ze zien hoe deze de ontwikkelingsactiviteiten ondersteunen en versnellen. Bovendien worden onderzoekspartners uitgenodigd om inzichten te delen over wereldwijde markttrends, samenwerkingsinitiatieven en hun eigen competenties om onze innovaties verder te helpen op weg naar commercieel succes. Met ongeveer 150 deelnemers per evenement is Innovate & Connect een belangrijke drijfveer voor samenwerking geworden, die onze innovatiecultuur versterkt en de vooruitgang bij Bekaert versnelt.
Werkzekerheid en werktijden
Bekaert hanteert een goed gestructureerd en eerlijk tewerkstellingsbeleid dat het gebruik van tijdelijke en vaste contracten in evenwicht houdt. In de meeste gevallen biedt Bekaert contracten van onbepaalde duur (vast) aan. Tijdelijke contracten worden aangeboden in specifieke omstandigheden, zoals projectgebaseerde behoeften, seizoensgebonden of fluctuerende vraag en vaardigheidsspecifieke rollen. In bepaalde landen of entiteiten is het de gangbare praktijk dat alle medewerkers of medewerkersgroepen starten met een tijdelijk Bekaert-contract of een tijdelijk contract via een uitzendkantoor alvorens over te schakelen naar een contract van onbepaalde duur. Dit beleid is duidelijk en wordt consequent toegepast op alle rollen waarop deze regel van toepassing is. Bekaert doet zijn best om tijdelijke contractuelen of uitzendkrachten aan te werven voor functies van onbepaalde duur als de kansen zich voordoen, zodat deze medewerkers een traject hebben naar een vaste tewerkstelling op lange termijn.
Bekaert engageert zich om waar mogelijk stabiele tewerkstellingskansen te bieden. Daarom worden tijdelijke medewerkers regelmatig geëvalueerd voor conversie naar een vast contract op basis van verschillende factoren, zoals prestaties en vaardigheden, de vraag van de business en wettelijke en regelgevende kaders. Via deze maatregelen zorgt Bekaert voor een evenwicht tussen de flexibiliteit die tijdelijke contracten bieden en de zekerheid en voordelen van een vaste tewerkstelling. Bekaert blijft zich inzetten voor de volledige naleving van internationale arbeidsnormen en lokale regelgeving met betrekking tot werktijden, contracttypes en werknemersrechten. Alle beleidsregels worden duidelijk gecommuniceerd naar de medewerkers en in al onze activiteiten toegepast. Daarnaast voeren onze humanresources- en interne auditteams regelmatig controles en audits uit om ervoor te zorgen dat mogelijke gevallen van niet-naleving snel worden aangepakt en dat we eerlijke arbeidsomstandigheden blijven bevorderen. Bij herstructureringen streeft Bekaert ernaar om de impact op de betrokken medewerkers tot een minimum te beperken.Waar mogelijk overweegt het bedrijf herplaatsing binnen zijn eigen personeel. Daarnaast worden outplacementdiensten en loopbaanbegeleiding aangeboden. Bekaert biedt ook een wereldwijd hulpverleningsprogramma aan dat emotionele en psychische bijstand omvat voor alle medewerkers, dat beschikbaar blijft tot 3 maanden na het einde van het arbeidscontract. Bij de uitvoering van dergelijke maatregelen streeft het management ernaar de sociale impact voor de betrokken medewerkers te beperken door herindustrialisatie te overwegen, hulp bij hertewerkstelling en een billijke ontslagvergoeding aan te bieden. We hebben specifieke teams die zich richten op Ethiek en Naleving en Veiligheid, Gezondheid en Milieu, terwijl andere thema's zoals welzijn en diversiteit en inclusie binnen het toepassingsgebied van lokale HR-functies vallen. ESRS S1 1-4 §43 ESRS 1-4 §38a, b, c, d ESRS 1-4§40 a, b ESRS S1 1-4 §41 De financiële middelen die nodig zijn voor de onder S1-4 vermelde acties zijn geïntegreerd in de budgetten van de respectievelijke functies of divisies, waardoor de implementatie kan worden gewaarborgd zonder dat er aparte financieringsstromen nodig zijn. ESRS 2 MDR-A 69
Doelen om materiële negatieve impacts, risico's en kansen te beheren (S1-5)
Mentaal welzijn
We engageren ons om onze medewerkers en hun gezinnen te ondersteunen bij het maken van positieve keuzes voor hun gezondheid en welzijn. We willen ervoor zorgen dat ze toegang hebben tot uitgebreide ondersteuning, zodat ze zich persoonlijk en professioneel kunnen ontplooien. Daarom heeft Bekaert een hulpverleningsprogramma voor medewerkers. We willen dat 100% van de medewerkers in de 17 We willen onze ambities en doelen evalueren als onderdeel van onze volgende strategische planningscyclus. We verwijzen naar de laatste paragraaf onder rubriek SBM-1. Bekaert Jaarverslag 2025 − 274 − dochterondernemingen van Bekaert toegang heeft tot dit hulpprogramma dat een brede waaier aan ondersteuningsmogelijkheden biedt en ervoor zorgt dat het welzijn van onze medewerkers wordt gewaarborgd in alle aspecten van hun leven. We hebben dit doel bereikt.
Leren en ontwikkelen
We stimuleren talent door loopbaanontwikkeling en levenslang leren. We hechten veel belang aan het creëren van uitdagende carrière- en persoonlijke ontwikkelingskansen voor onze medewerkers. Bekaert engageert zich om jaarlijks gemiddeld minimum 30 uur opleiding per medewerker te voorzien. In 2025 kreeg elke medewerker gemiddeld 34 uur opleiding. Het aantal opleidingsuren, de voortgang ten opzichte van het doel en de impact worden bijgehouden via het management systeem voor trainingen en lokale rapporteringslijnen en op kwartaalbasis geconsolideerd. Naast de portfolio met nalevingsopleidingen zijn er tal van leermogelijkheden waar medewerkers nieuwe vaardigheden kunnen ontwikkelen, kennis kunnen opdoen en hun bewustzijn over verschillende thema's kunnen vergroten, zowel online als klassikaal.
Diversiteit en inclusie
Bekaert hanteert een wervings- en promotiebeleid dat gericht is op het gestaag verhogen van diversiteit, waaronder genderdiversiteit. We verbinden ons ertoe om dit aandeel te verhogen en zo gendergelijkheid te steunen. Het is ons doel om een ratio van 40% te bereiken tegen 2030 17. 28,4% van de managers en bedienden van de dochterondernemingen van Bekaert zijn vrouwen (per eind 2025), tegenover 29% eind 2024, een geringe daling voornamelijk ten gevolge van de desinvestering van onze activiteiten voor Staaldraadtoepassingen in Costa Rica, Ecuador en Venezuela. Het behalen van deze doelstelling is afhankelijk van de beschikbaarheid van divers talent in de regio's waarin we nu en in de toekomst actief zijn.
Gezondheid en veiligheid
Bekaert streeft naar een veilige, risicovrije werkomgeving voor al onze medewerkers en voor iedereen die bij ons werkt of onze gebouwen bezoekt. We volgen onze prestaties ten opzichte van deze doelstelling via een centraal beheersysteem op. Veiligheidsprestaties maken deel uit van ons prestatiedashboard en staan vast op de agenda tijdens lokale en globale Town Halls en tijdens terugkerende vergaderingen op de werkvloer. ESRS S1-5 §47a, b, c
Kenmerken van onze eigen medewerkers (S1-6)
| Kenmerken | Aantal medewerkers (head count) | Mannen | Vrouwen | Totaal aantal medewerkers |
|---|---|---|---|---|
| Medewerkers (totaal aantal) per gender | 15 896 | 2 525 | 18 421 |
De categorie "andere" en "niet gerapporteerd" zijn niet van toepassing. Het totale aantal daalde van 19 701 in 2024, voornamelijk door de desinvesteringen van onze entiteiten voor Staaldraadtoepassingen in Costa Rica, Ecuador en Venezuela en kleinere wijzigingen in de voetafdruk in andere regio's. ESRS S1-6 §50
| Land | Aantal medewerkers (head count) | Mannen | Vrouwen | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| China | 5 774 | 576 | 6 350 | |
| Slowakije | 1491 | 515 | 2 006 |
ESRS S1-6 §50
| Medewerkers (totaal aantal) per gender en contract type, uitgesplitst per regio | EMEA | Noord-Amerika | Latijns Amerika | Pacifisch Azië | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|
| Aantal medewerkers (totale aantal) | 7 153 | 1 443 | 741 | 9 084 | 18 421 |
| Mannen | 5 698 | 1 263 | 614 | 8 321 | 15 896 |
| Vrouwen | 1 455 | 180 | 127 | 763 | 2 525 |
| Aantal vaste medewerkers (totale aantal) | 7 009 | 1 442 | 741 | 7 299 | 16 491 |
| Mannen | 5 590 | 1 262 | 614 | 6 825 | 14 291 |
| Vrouwen | 1 419 | 180 | 127 | 474 | 2 200 |
| Aantal tijdelijke medewerkers (totale aantal) | 144 | 1 | 0 | 1 785 | 1 930 |
| Mannen | 108 | 1 | 0 | 1 496 | 1 605 |
| Vrouwen | 36 | 0 | 0 | 289 | 325 |
| Aantal oproepkrachten (totale aantal) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Mannen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Vrouwen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Aantal voltijdse medewerkers (totale aantal) | 6 959 | 1 434 | 741 | 9 079 | 18 213 |
| Mannen | 5 575 | 1 259 | 614 | 8 320 | 15 768 |
| Vrouwen | 1 384 | 175 | 127 | 759 | 2 445 |
| Aantal part-time medewerkers (totale aantal) | 194 | 9 | 0 | 5 | 208 |
| Mannen | 123 | 4 | 0 | 1 | 128 |
| Vrouwen | 71 | 5 | 0 | 4 | 80 |
ESRS S1-6 §50a, b, b ii, b iii
| Medewerkers per regio | EMEA | Noord-Amerika | Latijns Amerika | Pacifisch Azië | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|
| Arbeiders | 5 070 | 1 072 | 440 | 6 992 | 13 574 |
| Mannen | 4 256 | 1 007 | 408 | 6 756 | 12 427 |
| Vrouwen | 814 | 65 | 32 | 236 | 1 147 |
| Bedienden | 1 313 | 239 | 252 | 1 499 | 3 303 |
| Mannen | 859 | 153 | 166 | 1 118 | 2 296 |
| Vrouwen | 454 | 86 | 86 | 381 | 1 007 |
| Management | 770 | 132 | 49 | 593 | 1 544 |
| Mannen | 583 | 103 | 40 | 447 | 1 173 |
| Vrouwen | 187 | 29 | 9 | 146 | 371 |
| Totaal mannen | 5 698 | 1 263 | 614 | 8 321 | 15 896 |
| Totaal vrouwen | 1 455 | 180 | 127 | 763 | 2 525 |
| Algemeen totaal | 7 153 | 1 443 | 741 | 9 084 | 18 421 |
| Landen met > 1000 medewerkers (exclusief medewerkers die niet op de loonlijst staan) | China | Slowakije | België | VS | Indonesië |
|---|---|---|---|---|---|
| Arbeiders | 5 056 | 1 521 | 666 | 1 072 | 1 119 |
| Mannen | 4 865 | 1 204 | 599 | 1 007 | 1 114 |
| Vrouwen | 191 | 317 | 67 | 65 | 5 |
| Bedienden | 918 | 392 | 357 | 236 | 141 |
| Mannen | 641 | 217 | 249 | 153 | 126 |
| Vrouwen | 277 | 175 | 108 | 83 | 15 |
| Management | 376 | 93 | 390 | 128 | 32 |
| Mannen | 268 | 70 | 292 | 100 | 28 |
| Vrouwen | 108 | 23 | 98 | 28 | 4 |
| Totaal Mannen | 5 774 | 1 491 | 1 140 | 1 260 | 1 268 |
| Totaal Vrouwen | 576 | 515 | 273 | 176 | 24 |
| Algemeen totaal | 6 350 | 2 006 | 1 413 | 1 436 | 1 292 |
ESRS S1-6 §50a, S1-6 §51 (VRIJWILLIG) Bekaert Jaarverslag 2025 − 276 −
90% van de medewerkers van Bekaert heeft een contract van onbepaalde duur, 10% heeft een tijdelijk contract (= contract van bepaalde duur). Medewerkers met een tijdelijk contract staan op de payroll van Bekaert, maar hebben een contract met een einddatum. 99% van de Bekaert-medewerkers werkt voltijds. De vermelde personeelsgegevens zijn berekend op 31 december 2025. ESRS S1-6 §52a, b (VRIJWILLIG)
| Turnover | Totaal | Mannen | Vrouwen |
|---|---|---|---|
| Medewerkers turnover in 2025 | |||
| turnover (aantal) vrijwillig vertrek | 642 | 519 | 123 |
| turnover (aantal) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – overlijden tijdens in dienst) | 1 246 | 1 025 | 221 |
| turnover (%) vrijwillig vertrek | 4% | 4% | 5% |
| turnover (%) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – overlijden tijdens in dienst) | 7% | 7% | 10% |
ESRS S1-6 §50c
We verzamelen, bewaren en houden al onze personeelsgegevens bij in het centrale HR-systeem en gebruiken business intelligence voor analyse, gegevenskwaliteit en het identificeren van fluctuaties. Onze interne rapporten bevatten zowel gegevens in headcount (het aantal mensen in ons personeelsbestand) als in FTE (Full-Time Equivalent: aantal contractuele uren gedeeld door het maximum aantal contractuele uren in een voltijds rooster). ESRS S1-6 §50d, d ii, d iii, ESRS S1-7 55b Een verwijzing naar het aantal voltijdse equivalenten is opgenomen in rubriek 'Segmentrapportering' van het Financieel Overzicht op pagina 111. ESRS S1-6 §50f
Kenmerken van medewerkers niet in loondienst onder het eigen personeel (S1-7)
| Medewerkers niet in loondienst - 31 december 2025 | EMEA | Noord-Amerika | Latijns Amerika | Pacifisch Azië | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|
| Arbeiders | 62 | 2 | 63 | 511 | 638 |
| Mannen | 51 | 2 | 56 | 460 | 569 |
| Vrouwen | 11 | 0 | 7 | 51 | 69 |
| Bedienden | 16 | 4 | 8 | 21 | 49 |
| Mannen | 7 | 1 | 7 | 6 | 21 |
| Vrouwen | 9 | 3 | 1 | 15 | 28 |
| Management | 11 | 0 | 0 | 3 | 14 |
| Mannen | 8 | 0 | 0 | 1 | 9 |
| Vrouwen | 3 | 0 | 0 | 2 | 5 |
| Totaal mannen | 66 | 3 | 63 | 467 | 599 |
| Totaal vrouwen | 23 | 3 | 8 | 68 | 102 |
| Algemeen totaal | 89 | 6 | 71 | 535 | 701 |
S1-7 §55a, bi, bii
Medewerkers niet in loon dienst zijn medewerkers die niet op onze payroll staan, maar die onze medewerkers aanvullen. Ze leveren tijdelijke diensten meestal via uitzendkantoren of adviesbureaus. In 2025 werd het aantal medewerkers niet in loon dienst afgestemd op de capaciteitsbehoeften (een daling ten opzichte van 1 094 in 2024). 98% van de medewerkers niet in loon dienst werkt full-time.# ESRS S1-7 §56 Bekaert Jaarverslag 2025 − 277 − Diversiteitsmaatstaven (S1-9)
Genderdiversiteit Raad van Bestuur en hoger management
Genderdiversiteit in de Raad van Bestuur en het hoger management van Bekaert:
| Genderdiversiteit | 31 december 2024 | 2025 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| # Mensen | Percent | # Mensen | Percent | Totaal | Mannen | Vrouwen | Mannen | Vrouwen |
| Totaal | Mannen | Vrouwen | Mannen | Vrouwen | ||||
| Raad van Bestuur | 9 | 5 | 4 | 56% | 44% | 11 | 7 | 4 |
| Uitvoerend Management | 9 | 7 | 2 | 78% | 22% | 8 | 7 | 1 |
| Senior Vice Presidents (B16- B18) | 14 | 13 | 1 | 93% | 7% | 14 | 12 | 2 |
| Next leadership level (B13-B15) | 76 | 58 | 18 | 76% | 24% | 61 | 46 | 15 |
| Totaal leadership team | 108 | 83 | 25 | 77% | 23% | 94 | 72 | 22 |
ESRS S1-9 §66a, AR71 Leeftijdsdiversiteit
Leeftijdsdiversiteit medewerkers 31 december 2024 (in %)
| % Jonder dan 30 jaar | % 30-50 jaar | % Ouder dan 50 jaar | |
|---|---|---|---|
| Arbeiders | 13% | 70% | 17% |
| Bedienden | 8% | 70% | 22% |
| Management | 3% | 66% | 31% |
| Totaal Bekaert medewerkers | 11% | 70% | 19% |
ESRS S1-9 §66b Sociale bescherming (S1-11)
We bieden competitieve salarissen en beloningen om het financiële, fysieke en algemene welzijn van onze medewerkers en hun gezinnen te verbeteren. Ons aanbod verschilt van land tot land en is veelal afgestemd op het socialezekerheidsbeleid in het betreffende land. Wij bieden een heel scala aan personeelsvoordelen, waaronder pensioenuitkeringen, ziektekostenregelingen, beloningen voor langdurig dienstverband, arbeidsongevallen-/invaliditeitsverzekering en betaald verlof. Voor gedetailleerde informatie over vergoedingen en voordelen, verwijzen we naar het Financieel overzicht rubriek 6.16.
ESRS S1-11 §74a, b, c, d, e
| Verloningselementen voor voltijdse en deeltijdse medewerkers per belangrijke bedrijfslocatie | Voordeel | België | China | Indonesië | Slovakije | VS |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Levensverzekering | Ja | Ja | Ja | Ja | Ja | |
| Gezondheidszorg | Ja | Ja | Ja | Nee | Ja | |
| Invaliditeitsverzekering | Ja | Ja | Ja | Ja | Ja | |
| Ouderschapsverlof | Ja | Ja | Ja | Ja | Ja | |
| Pensioenregeling | Ja | Ja | Ja | Ja | Ja | |
| Aandeelhoudersschap | Nee | Nee | Nee | Nee | Nee |
Deze voordelen worden toegekend aan medewerkers op de payroll – niet aan medewerkers die niet op de payroll staan. Belangrijke bedrijfslocaties hebben > 1 000 medewerkers op de loonlijst (deeltijds, voltijds, bepaalde duur, onbepaalde duur). Bekaert voldoet aan alle toepasselijke lokale socialezekerheidsregelingen in elk land waar het actief is. Medewerkers zijn gedekt in overeenstemming met de verplichte socialezekerheidsregelingen van het land waar ze werken.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 278 −
Maatstaven voor opleiding en ontwikkeling van vaardigheden (S1-13)
Prestatiebeoordelingen
Om sterke prestaties, inzet en voortdurende ontwikkeling van al onze medewerkers te stimuleren, worden de doelstellingen van de groep omgezet in team- en persoonlijke doelstellingen. Bekaert heeft een People Performance Management (PPM)-programma ontwikkeld en uitgerold. PPM is onze manier om de prestaties van mensen te beoordelen en te bekijken hoe we onze doelstellingen in de toekomst beter kunnen bereiken. Als zodanig maakt PPM deel uit van een grotere inspanning om een prestatiegerichte organisatie te zijn. Het performantieopvolgingsproces omvat persoonlijke ontwikkelingsbeoordelingsgesprekken, transparantie, feedforward en leiderschapsgedrag. Hulpmiddelen voor de prestatiemanagementaanpak zijn: een duidelijke afstemming van team- en individuele doelstellingen met de businessprioriteiten; het regelmatig sturen en coachen van prestaties; een billijke erkenning in lijn met de bereikte prestaties; en betere tools waarmee medewerkers hun prestaties en feedforward-acties gedurende het jaar kunnen bijhouden.
Percentage medewerkers dat een prestatiebeoordeling kreeg in 2025
| Medewerkerscategorie | Percentage | |
|---|---|---|
| Managers | 99% | |
| Mannen | 99% | |
| Vrouwen | 99% | |
| Bedienden | 98% | |
| Mannen | 98% | |
| Vrouwen | 98% | |
| TOTAAL Mannen | 98% | |
| TOTAAL Vrouwen | 98% |
Arbeiders volgen niet het People Performance Process dat geldt voor onze bedienden. De arbeiders bespreken hun prestaties zeer regelmatig tijdens lokale bijeenkomsten. Deze lokale bijeenkomsten zijn teamsessies om mogelijkheden te vinden voor kwaliteits-, veiligheids- en procesverbeteringen, en één-op-één gesprekken tussen arbeiders en hun ploegleiders over persoonlijke prestaties en gedrag.
ESRS S1-13 §83a, ESRS S1-13 §84
Bekaert Jaarverslag 2025 − 279 −
Leren en ontwikkelen
Gemiddeld kreeg elke werknemer 34 uur opleiding in 2025, waarvan 33 voor vrouwelijke werknemers en 34 voor mannelijke medewerkers, ruim boven ons doel.
Gemiddeld aantal uur training per medewerker per regio
| 2023 | 2024 | 2025 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Mannen | Vrouwen | Mannen | Vrouwen | Mannen | Vrouwen | |||
| EMEA | ||||||||
| Arbeiders | 57 | 36 | 53 | 42 | 49 | 40 | ||
| Bedienden | 32 | 30 | 20 | 21 | 27 | 27 | ||
| Management | 29 | 44 | 32 | 33 | 25 | 26 | ||
| Latijns Amerika | ||||||||
| Arbeiders | 75 | 52 | 56 | 95 | 33 | 30 | ||
| Bedienden | 51 | 51 | 40 | 39 | 38 | 35 | ||
| Management | 49 | 86 | 35 | 44 | 31 | 42 | ||
| Noord Amerika | ||||||||
| Arbeiders | 20 | 21 | 27 | 26 | 21 | 26 | ||
| Bedienden | 19 | 16 | 34 | 27 | 37 | 25 | ||
| Management | 23 | 22 | 36 | 51 | 39 | 40 | ||
| Pacifisch Azië | ||||||||
| Arbeiders | 36 | 63 | 32 | 47 | 30 | 39 | ||
| Bedienden | 28 | 25 | 28 | 21 | 23 | 25 | ||
| Management | 33 | 34 | 31 | 32 | 25 | 30 |
ESRS S1-13 §83b
In 2025 kreeg elke medewerker gemiddeld 4 uur verplichte training. In 2025 kreeg elke medewerker gemiddeld 7 uur veiligheidstraining. In 2025 kreeg elke medewerker gemiddeld 0,5 uur welzijnstraining.
Methodologie
Berekeningsmethode: Totaal aantal opleidingsuren gedeeld door het aantal personeelsleden (inclusief medewerkers en medewerkers niet in loondienst) op 31 december 2025. Voor een nauwkeurige berekening zijn de opleidingsuren van de afgestoten entiteiten in Costa Rica, Ecuador en Venezuela buiten beschouwing gelaten.
Veiligheids- en gezondheidsgegevens (S1-14)
Onze veiligheidsgegevens hebben betrekking op het eigen personeel van Bekaert en op aannemers op onze sites in zowel geconsolideerde entiteiten als joint ventures. Gerapporteerde incidentengraad: Total Recordable Injury Rate (aantal incidenten per miljoen gewerkte uren) Frequentiegraad: Lost Time Incident Frequency Rate (aantal incidenten met werkverlet per miljoen gewerkte uren) SI: Serious Injury (incidenten met levensingrijpende letsels)
De belangrijkste gecombineerde veiligheidsprestatie-indicatoren voor 2025 toonden een daling in frequentiegraad (-37%) en in gerapporteerde incidentengraad (-24%). Deze verbeteringen werden echter overschaduwd door een stijging van de ernstgraad (+30%). Het aantal ernstige incidenten met dodelijke afloop of levensingrijpende letsels steeg van zes in 2024 naar zeven in 2025. In 2025 vonden er drie werkgerelateerde ongevallen met dodelijke afloop plaats op onze sites (één medewerker en twee aannemers). Twee dodelijke ongevallen waren gerelateerd aan werken op hoogte en één was het gevolg van elektrocutie. We registreerden vier ongevallen met ernstig letsel, waarvan drie met verwondingen aan de handen en vingers en één aan de onderarm.
ESRS S1-14 §88b, e
In 2025 waren er 181 werkgerelateerde ongevallen (inclusief joint ventures).
Bekaert Jaarverslag 2025 − 280 −
Het aantal dagen met werkverlet als gevolg van werkgerelateerde verwondingen daalde van 6 651 in 2024 naar 3 569 dagen in 2025 (inclusief JV's). Het aantal verloren dagen door dodelijke ongevallen was 1 095 dagen.
ESRS S1-14 §88c, e, ESRS S1-14 §89
In 2025 zette Bekaert zijn veiligheidsprogramma kracht bij door middel van bewustmakingscampagnes, training, prestatie-evaluaties en gerichte investeringen, om veilige werkomstandigheden voor iedereen te garanderen. Bekaert beschikt over certificeringen volgens internationale managementsysteemnormen voor veiligheid en heeft een geïntegreerd bedrijfsmanagementsysteem geïmplementeerd. Dit centraal beheerd managementsysteem is de basis van ISO 45 001 certificatie (veiligheid) van 31 sites (48% van de productiefabrieken). Meer informatie is beschikbaar in rubriek S1-4 op pagina 270.
ESRS S1-14 §88a
In 2025 waren 26 vestigingen 1 jaar vrij van veiligheidsincidenten. 9 vestigingen waren minimaal 2 jaar vrij van veiligheidsincidenten. 2 vestigingen bereikten minimum 5 jaar zonder veiligheidsincidenten, en 2 vestigingen zijn erin geslaagd om al 10 jaar of langer geen veiligheidsincidenten te hebben. Zij zijn Bekaerts veiligheidskampioenen en effenen het pad naar een werkomgeving die niemand schade berokkent.
Belangrijkste veiligheidsperformantie indicatoren
Bekaert eigen personeel (geconsolideerde vestigingen) + aannemers op onze sites
| 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|
| Gerapporteerde incidentengraad | 4,91 | 4,69 | 3,22 |
| Frequentiegraad | 3,05 | 2,91 | 1,75 |
| Ernstgraad | 0,14 | 0,08 | 0,11 |
Belangrijkste veiligheidsperformantie indicatoren
Bekaert eigen personeel (geconsolideerde vestigingen + joint ventures) + aannemers op onze sites
| 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|
| Gerapporteerde incidentengraad | 4,34 | 4,34 | 3,32 |
| Frequentiegraad | 2,70 | 2,57 | 1,62 |
| Ernstgraad | 0,15 | 0,10 | 0,13 |
ESRS S1-14 §88c
Incidenten per geslacht
| Groepsdata per geslacht (eigen personeel) | 2023 | 2024 | 2025 | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Mannen | Mannen | Mannen | Vrouwen | Vrouwen | Vrouwen | |
| Gerapporteerde incidentengraad | 4,99 | 4,66 | 3,56 | 4,66 | 4,64 | 3,90 |
| Frequentiegraad | 3,13 | 2,68 | 1,74 | 3,23 | 3,65 | 2,03 |
| Ernstgraad | 0,18 | 0,15 | 0,13 | 0,00 | 0,00 | 0,00 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 281 −
Incidenten per regio
Groepsdata per regio 2023
| EMEA | Latijns- Amerika | Noord- Amerika | Pacifisch Azië | JV’s | Bekaert Geconsolideerd | Bekaert Gezamenlijk | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gerapporteerde incidentengraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 9,74 | 5,51 | 15,13 | 1,17 | 0,96 | 4,91 | 4,34 |
| Bekaert eigen personeel | 9,77 | 7,10 | 15,40 | 1,12 | 1,03 | 5,54 | 4,95 |
| Aannemers op onze sites | 9,45 | 0,96 | 11,69 | 1,28 | 0,79 | 2,57 | 2,23 |
| Frequentiegraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 7,83 | 3,75 | 3,20 | 0,53 | 0,60 | 3,05 | 2,70 |
| Bekaert eigen personeel | 8,13 | 4,74 | 3,46 | 0,49 | 0,51 | 3,53 | 3,14 |
| Aannemers op onze sites | 5,09 | 0,96 | 0,00 | 0,64 | 0,79 | 1,24 | 1,15 |
| Ernstgraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 0,14 | 0,25 | 0,29 | 0,11 | 0,24 | 0,14 | 0,15 |
| Bekaert eigen personeel | 0,16 | 0,34 | 0,31 | 0,10 | 0,17 | 0,15 | 0,15 |
| Aannemers op onze sites | 0,00 | 0,00 | 0,00 | 0,13 | 0,40 | 0,10 | 0,15 |
Groepsdata per regio 2024
| EMEA | Latijns- Amerika | Noord- Amerika | Pacifisch Azië | JV’s in Brazilië en Colombia | Bekaert Geconsolideerd | Bekaert Gezamenlijk | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gerapporteerde incidentengraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 10,46 | 3,48 | 10,49 | 1,41 | 2,17 | 4,69 | 4,34 |
| Bekaert eigen | |||||||
| :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | |
| personeel | 9,78 | 4,30 | 10,22 | 1,40 | 2,66 | 4,95 | |
| Aannemers op onze sites | 17,40 | 1,00 | 14,35 | 1,44 | 0,88 | 3,66 | |
| Frequentiegraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 7,92 | 3,48 | 1,85 | 0,52 | 0,48 | 2,91 | |
| Bekaert eigen personeel | 7,45 | 4,30 | 1,98 | 0,51 | 0,67 | 3,12 | |
| Aannemers op onze sites | 12,65 | 1,00 | 0,00 | 0,52 | 0,00 | 2,07 | |
| Ernstgraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 0,28 | 0,00 | 0,00 | 0,00 | 0,24 | 0,08 | |
| Bekaert eigen personeel | 0,31 | 0,00 | 0,00 | 0,00 | 0,33 | 0,10 | |
| Aannemers op onze sites | 0,00 | 0,00 | 0,00 | 0,00 | 0,00 | 0,00 |
Groepsdata per regio 2025
| EMEA | Latijns- Amerika | Noord- Amerika | Pacifisch Azië | JV’s in Brazilië | Bekaert Geconsolideerd | Bekaert Gezamenlijk | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gerapporteerde incidentengraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 5,54 | 3,26 | 10,26 | 1,26 | 3,93 | 3,22 | 3,32 |
| Bekaert eigen personeel | 5,66 | 3,31 | 9,9 | 1,27 | 4,46 | 3,47 | 3,6 |
| Aannemers op onze sites | 4,26 | 3,08 | 16,13 | 1,22 | 2,4 | 2,11 | 2,16 |
| Frequentiegraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 3,85 | 2,94 | 1,87 | 0,59 | 0,86 | 1,75 | 1,62 |
| Bekaert eigen personeel | 4,06 | 2,90 | 1,98 | 0,54 | 0,99 | 1,91 | 1,78 |
| Aannemers op onze sites | 1,70 | 3,08 | 0,00 | 0,77 | 0,48 | 1,05 | 0,94 |
| Ernstgraad | |||||||
| Totaal (Bekaert eigen personeel + aannemers op onze sites) | 0,08 | 0,33 | 0,31 | 0,07 | 0,25 | 0,11 | 0,13 |
| Bekaert eigen personeel | 0,08 | 0,00 | 0,33 | 0,05 | 0,33 | 0,08 | 0,11 |
| Aannemers op onze sites | 0,00 | 1,54 | 0,00 | 0,15 | 0,00 | 0,23 | 0,19 |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 282 −
Methodologie
* Frequentiegraad: Lost Time Incident Frequency Rate (aantal incidenten met werkverlet per miljoen gewerkte uren).
* Ernstgraad (SI-graad: Serious Injuries): aantal ongevallen met levensingrijpende letsels per miljoen gewerkte uren
* Gerapporteerde incidentengraad: Total Recordable Injury Rate: aantal incidenten per miljoen gewerkte uren.
* Aannemers: externe aannemers op onze sites die geen eigen personeel zijn, zoals dienstverleners in onderaanneming (bv. catering, beveiliging), ad-hocdiensten (bv. tuinonderhoud, strategische consultants) en medewerkers in de waardeketen op onze sites (bv. transportbedrijf, leverancier van machines). Alhoewel aannemers beschouwd worden als 'Medewerkers in de waardeketen (S2)' volgens ESRS, nemen wij aannemers die op onze sites werken op in onze veiligheidsdata.
* Nauwkeurigheidsupdates en verbeteringen hebben geleid tot kleine aanpassingen in sommige historische gegevens.
ESRS S1-14 §88c
Beloningsmaatstaven (S1-16)
Hoewel dit duurzaamheidsthema niet materieel is voor Bekaert, rapporteren we onderstaande informatie omwille van de transparantie die klanten, ratings en investeerders vragen.
Vertegenwoordiging vrouwen in salarisbanden
De genderloonkloofratio omvat de loonkloof voor bedienden en kaderleden, en houdt geen rekening met arbeiders.
* Lonen voor arbeiders worden vastgelegd in overeenstemming met lokale arbeidsovereenkomsten. Over het algemeen worden deze bepaald door het aantal gewerkte uren, ervaring en vaardigheden van de persoon die de functie uitoefent.
* Salarisniveaus voor bedienden en kaderleden zijn gebaseerd op een functieklassificatiesysteem dat interne benchmark toelaat. Functies met een gelijkaardig toepassingsgebied, vereiste kennis, mate van verantwoordelijkheid en leiderschapsvereisten worden geclusterd in zogeheten salarisbanden. De genderloonkloof voor bedienden en kaderleden wordt opgevolgd op twee niveaus: op het niveau van vertegenwoordiging en op het niveau van gelijke behandeling. De onderstaande tabel toont de vertegenwoordiging van vrouwen in de verschillende salarisbanden in de onderneming, gebaseerd op een functieklassificatiesysteem.
| Aandeel vrouwen per loonschaal | Broadband | % Vrouwen | % Mannen |
|---|---|---|---|
| Group Executive | 87% | 13% | |
| Senior Vice Presidents | 86% | 14% | |
| Senior Management | 75% | 25% | |
| Mid Level Management | 82% | 18% | |
| Junior Management | 74% | 26% | |
| Bedienden | 70% | 31% | |
| Totaal | 72% | 28% |
ESRS S1-16 §97c
De onderstaande tabel toont de behandeling van vrouwen in de verschillende salarisbanden op vlak van verloning. Het basisloon van elke medewerker (in lokale munteenheid) wordt vergeleken met het middelpunt van hun respectievelijke salarisband (middelpunt van salarisband in lokale munteenheid), wat resulteert in een percentage van basisloon ten opzichte van het middelpunt. (% compa ratio). De mediaan van de daaruit voortvloeiende compa ratios voor vrouwen ten opzichte van de mediaan van de compa ratios voor mannen worden vergeleken, en het verschil vormt het loonkloof percentage. Het middelpunt van elke salarisband wordt vastgelegd in overeenstemming met het competitieve marktniveau en relevante functieklassificatieniveau.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 283 −
De tabel hieronder toont het verschil in mediaan compa-ratio tussen vrouwen en mannen:
| Regio | Gender pay gap (%) |
|---|---|
| EMEA | -4,42% |
| Latijns Amerika | 0,19% |
| Noord-Amerika | -5,83% |
| Pacifisch Azië | -5,67% |
| Totaal | -3,67% |
De globale loonkloof tussen mannen en vrouwen bij Bekaert bedraagt -3,67% (ten opzichte van -3,85% in 2024 en -2,40% in 2023), met verschillen tussen landen en een aanzienlijk aantal landen zonder loonkloof. Dit aantal is lager dan het wereldwijde, Europese en sectorgemiddelde. In het algemeen zijn er maatregelen genomen om deze loonkloof te controleren en te voorkomen.
ESRS S1-16 §97a
Hoe we de impacts op de mensenrechten beheren (S1-17)
Ondanks dat dit duurzaamheidsthema niet materieel is voor Bekaert, willen we mensenrechten voortdurend respecteren. We rapporteren deze informatie omwille van transparantie redenen. Bekaert beschikt over een centrale tool voor rapporterings- en onderzoeksbeheer. Het Speak Up-kanaal, dat alle medewerkers en ook derden de mogelijkheid biedt om bezorgdheden te melden of vragen te stellen, is één van de verschillende communicatiemiddelen om vragen te stellen of bezorgdheden aan te kaarten. De tool maakt vertrouwelijke tweerichtingscommunicatie mogelijk tussen Group Ethics and Compliance en anonieme melders en met degenen die hun identiteit hebben gedeeld in de gerapporteerde melding. Medewerkers worden aangemoedigd om hun bezorgdheid te uiten op de manier die zij het comfortabelst vinden. Ze kunnen ook terecht bij hun HR-vertegenwoordiger, bij het team Compliance of Interne Audit of bij hun directe manager of leidinggevende. Ons onderzoeksprotocol waarborgt de kwaliteit en consistentie van onze onderzoeken en de bijbehorende rapporteringsvereisten. Alle binnenkomende meldingen worden behandeld met de hoogste graad van confidentialiteit. Elke aantijging wordt grondig onderzocht. Bekaert neemt alle nodige maatregelen om medewerkers te beschermen tegen elke vorm van vergelding bij het melden van een bezorgdheid. In de gevallen waarin verbeterpunten aan het licht kwamen, werden waar nodig corrigerende maatregelen genomen. In 2025 werden 149 integriteitsaantijgingen gemeld via onze kanalen voor integriteitsrapportering. In 2025 was er in twee gerapporteerde meldingen sprake van beschuldigingen van intimidatie waarbij vrouwelijke medewerkers betrokken waren. Beide zaken zijn onderzocht door het Ethics and Compliance- team en er zijn passende corrigerende maatregelen doorgevoerd. Dit weerspiegelt onze voortdurende inzet voor een inclusieve, respectvolle en niet-discriminerende werkomgeving.
ESRS S1-17 §103a, ESRS S1-17 §103b
Er zijn ons geen schendingen van mensenrechten gemeld die betrekking hadden op ons eigen personeel.
ESRS S1-17 §104a
Bekaert Jaarverslag 2025 − 284 −
S2 Werknemers in de waardeketen
Materiële impacts, risico’s en kansen en hun wisselwerking met strategie en businessmodel (S2 - SBM-3)
We hebben de volgende materiële impacts, risico's en kansen geïdentificeerd met betrekking tot werknemers in de waardeketen, die voornamelijk verband houden met de sector waarin we werken en de bedrijfsomgeving waarin we actief zijn:
| Negatieve impact | Positieve impact |
|---|---|
| Onze upstream toeleveringsketen, voornamelijk voor onze belangrijkste grondstof, kan een harde werkomgeving zijn vanwege het type activiteit (metalen), met sectorspecifieke gezondheids- en veiligheidsrisico's. We promoten respect voor gezondheid, veiligheid en mensenrechten in de hele waardeketen en via de OESO-richtlijnen door de naleving van onze gedragscode voor leveranciers af te dwingen en door onze due diligence-programma's. Onze duurzame aankoopstrategie en mensenrechtenprogramma's zijn bedoeld om deze materiële thema's aan te pakken. |
ESRS S2 SMB-3 §10
De werknemers in de waardeketen van Bekaert die een materiële impact kunnen ondervinden van Bekaerts acties zijn onderaannemers die in onze vestigingen werken, werknemers van onze leveranciers en onrechtstreekse leveranciers (upstream waardeketen), werknemers in de logistieke sector in onze downstream waardeketen en werknemers van joint ventures.
ESRS S2 SBM-3 §11a i-v
Bekaert engageert zich om grondstoffen van legale en duurzame oorsprong te gebruiken. Bekaert onthoudt zich van de aankoop van mineralen uit conflictgebieden omdat deze een hoog risico inhouden om gewapende conflicten te financieren en mensenrechtenschendingen mogelijk te maken. Bekaert vermijdt ook strikt de aankoop van materialen die geproduceerd zijn via kinder- of dwangarbeid. Om dit engagement na te leven, handhaaft Bekaert due-diligenceprocessen en vraagt het alle betrokken leveranciers om volledig mee te werken om dit te bereiken. Meer informatie over ons Conflict Minerals-beleid is beschikbaar in rubriek S2-1 op pagina 285.
ESRS S2 SBM-3 §11b
Potentiële negatieve impacts kunnen betrekking hebben op onze upstream-toeleveringsketen, voornamelijk bij de aankoop van onze belangrijkste grondstoffen. De metaalsector is een sector waar medewerkers kunnen worden blootgesteld aan sectorspecifieke gezondheids- en veiligheidsrisico's. Om een lokale toeleveringsketen voor onze wereldwijde voetafdruk te behouden, moeten we mogelijk samenwerken met leveranciers op locaties met een hoger inherent risico.
ESRS S2 SBM-3 §11c
We focussen op social supply en het bevorderen van de OESO-richtlijnen voor al onze activiteiten en werkzaamheden.Bekaert betrekt strategische leveranciers, gecategoriseerd in de bovenste drie segmenten van onze leverancierssegmentatie, bij zijn duurzaamheidsagenda via verschillende kanalen. Meer informatie over leveranciersbetrokkenheid is beschikbaar in rubriek S2-2 op pagina 288. Strategische leveranciers worden ook jaarlijks formeel geëvalueerd en er worden corrigerende actieplannen opgesteld wanneer de door Bekaert vereiste minimumniveaus niet behaald worden. Deze actieplannen worden nauwgezet gecontroleerd om de focus op verbetering te verzekeren. ESRS S2 SBM-3 §11d Op basis van onze bestaande processen hebben we geen materiële risico's en kansen geïdentificeerd die voortkomen uit de impacts en afhankelijkheden van werknemers in de waardeketen. ESRS S2 SBM-3 §11e Ons begrip van de werknemers in de waardeketen en hoe zij kunnen worden blootgesteld aan een groter risico op schade is gebaseerd op ons due diligence-programma dat wordt beschreven in rubriek S2-2 op pagina 286. ESRS S2 SBM-3 §12, ESRS S2 SBM-3 §13
Bekaert Jaarverslag 2025 − 285 −
Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen (S2-1)
Beleid inzake mensenrechten en Gedragscode voor leveranciers
Het mensenrechtenbeleid van Bekaert weerspiegelt ons engagement om de mensenrechten te respecteren en te bevorderen in al onze activiteiten en onze volledige waardeketen. Meer informatie is beschikbaar in rubriek S1-1 op pagina 265 van dit verslag. Dit beleid is zeer relevant voor de manier waarop we onze upstream toeleveringsketen betrekken bij onze duurzaamheidsagenda. ESRS S2-1 §16, ESRS S2-1 §17a, ESRS S2-1 §19
De Bekaert Gedragscode voor leveranciers legt de vereisten op het vlak van milieu, werkomstandigheden en governance vast waaraan leveranciers moeten voldoen. De vereisten inzake kinder- en dwangarbeid zijn erin opgenomen. De Bekaert Gedragscode voor leveranciers is van toepassing op alle leveranciers. De Chief Operating Officer (COO) houdt toezicht op het formuleren en implementeren van het beleid. De Bekaert Gedragscode voor leveranciers werd in 2025 herzien om deze in overeenstemming te brengen met onze Gedragscode, feedback van onze stakeholders te integreren en te voldoen aan de best practices in de sector. Om de duidelijkheid te verbeteren, maakt de herziene Gedragscode voor leveranciers een onderscheid tussen verplichte vereisten en verwachte doelstellingen. Het document is getoetst aan internationale standaarden zoals de UN Guiding Principles on Business and Human Rights (UNGPs) en conventies van de International Labour Organization (ILO). De centrale aankoopafdeling is verantwoordelijk voor de implementatie van dit beleid in de toeleveringsketen. Het maakt integraal deel uit van het Supplier Relationship Management van Bekaert en de evaluatieprocedure. Het is beschikbaar op onze website in 15 talen. Eind 2025 vertegenwoordigde dit engagement 93% van de bestedingen. ESRS S2-1 §16, ESRS S2-1 §17, ESRS S2-1 §18, ESRS S2-1 §19
Onze aanpak inzake betrokkenheid van werknemers in de toeleveringsketen wordt beschreven in rubriek S2-2 op pagina 286. ESRS S2-1 §17b
Via ons Speak Up-kanaal en ons due diligence- programma voor de toeleveringsketen bieden en faciliteren we oplossingen voor de impacts op de mensenrechten van werknemers in de waardeketen. Meer informatie over ons Speak Up-kanaal is beschikbaar in rubriek S1-3 op pagina 268. Meer informatie over ons due diligence-programma voor de toeleveringsketen is te vinden in rubriek S2-2 op pagina 286. ESRS S2-1 §17b, c
Verantwoord aankopen van mineralen
Bekaert erkent het belang van verantwoord aankopen. Het beleid van Bekaert inzake verantwoord aankopen van mineralen beschrijft ons engagement en onze acties en vereisten tegenover leveranciers. Het is van toepassing op alle leveranciers die mineralen leveren aan de Bekaert Groep die mogelijk afkomstig zijn uit conflictgebieden en gebieden met een hoog risico. Het beleid van Bekaert inzake verantwoord aankopen van mineralen is van toepassing op alle dochterondernemingen van Bekaert. Joint ventures waarin Bekaert een minderheidsaandeel heeft, worden sterk aangemoedigd om de procedure toe te passen die beschikbaar is op onze website. De rollen en verantwoordelijkheden worden duidelijk beschreven in het beleid. Ons klachtenprocedure staat vermeld in het beleid. ESRS S2-1 §16, ESRS S2-1 §17a, c, ESRS S2-1 §19
In 2025 heeft 100% van de leveranciers onder het Responsible Minerals Initiative (RMI) de Bekaert Gedragscode voor leveranciers ondertekend (of bewijs geleverd dat ze de principes ervan naleven). 100% ondertekende het beleid van Bekaert inzake verantwoord aankopen van mineralen en 100% van onze tin- en wolfraamleveranciers heeft een Conflict Minerals Reporting Template (CMRT) ingevuld, waarmee ze informatie delen over de smelterijen upstream. Dit is een belangrijk thema, aangezien deze groep leveranciers een hoog risico loopt op kinder- en/ of dwangarbeid. RMI is een initiatief van de Responsible Business Alliance (RBA) en het Global e-Sustainability Initiative (GeSi), die ondernemingen uit verschillende sectoren helpen om problemen met conflictmineralen in hun toeleveringsketen aan te pakken. ESRS S2-1 §19
Bekaert Jaarverslag 2025 − 286 −
Hoe we met werknemers in de waardeketen overleggen (S2-2)
Bekaert beheert de duurzaamheid van de toeleveringsketen via een gelaagde aanpak die afgestemd is op ons Supplier Relationship Management-kader (SRM). Due diligence in de toeleveringsketen is van toepassing op alle rechtstreekse leveranciers, inclusief naleving van het beleid en risicobeoordeling. Met strategische leveranciers worden de duurzaamheidsprestaties beheerd en met onze partners worden gezamenlijke innovatie- en ontwikkelingsprojecten opgezet. Door deze aanpak beperken en beheersen we in grote lijnen de negatieve impacts, terwijl we door middel van gerichte initiatieven de positieve impacts stimuleren.
Due diligence in de toeleveringsketen
De aankoopafdeling van Bekaert heeft een uitgebreid due-diligenceproces voor duurzaamheid in de toeleveringsketen opgezet om ervoor te zorgen dat het gedrag van potentiële en bestaande leveranciers afgestemd is op onze waarden. Ons robuust proces evalueert, prioriteert en beperkt upstreamrisico's in de toeleveringsketen met betrekking tot milieu-, sociale en governance-factoren. De Chief Operating Officer heeft de operationele verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat het nodige engagement er is en dat het resultaat onze aankooppolitiek stuurt. Het proces begint met een brede screening en opvolging van alle nieuwe en bestaande rechtstreekse leveranciers van Bekaert. De oplossing is gericht op het identificeren van actuele gegevenspunten voor elke juridische entiteit van de leverancier, om te bepalen waar er aantoonbare risico's zijn die aanvullend onderzoek vereisen. De leveranciers waarmee we in zee gaan, worden gerangschikt op basis van een combinatie van de geïdentificeerde risico's en de afhankelijkheid in de relatie tussen onze twee bedrijven. Door afhankelijkheid als factor toe te voegen, focussen we onze inspanningen daar waar de impact voor Bekaert en onze eindklanten het grootst is en waar we de mogelijkheid hebben om een betekenisvolle verandering teweeg te brengen in de activiteiten van onze leveranciers. De toegepaste risicobeperkende maatregelen worden afgestemd op het specifieke risico. Na de risicovalidatie worden leveranciers meestal uitgenodigd om een Prewave- of SEDEX- vragenlijst (Supplier Ethical Data Exchange) in te vullen. Op basis van het resultaat van deze zelfbeoordelingen worden samen met de leverancier gedetailleerde actieplannen ontwikkeld of worden, indien relevant, audits op locatie gepland. Naast verificatie van de voltooiing van individuele acties, kunnen we ook zien hoe het ESG-risico van de leverancier zich ontwikkelt door middel van voortdurende monitoring. Onze aanpak is voornamelijk gericht op het identificeren van direct aantoonbare risico's voor individuele leveranciers. Hoewel er dus gebieden zijn met een verhoogd inherent risico, evalueren we elke leverancier afzonderlijk. Als er een concreet risico wordt geïdentificeerd met een hoge waarschijnlijkheid van relevantie voor andere leveranciers in dezelfde geografische locatie of sector, starten we een gerichte beoordeling met de bredere groep. Een groot deel van de informatie die we uit de toeleveringsketen verzamelen voor risicobeoordeling is afkomstig van officiële communicatiekanalen met leveranciers, negatieve media of extern beschikbare gestructureerde datasets. De twee belangrijkste manieren waarop we rechtstreeks in contact komen met medewerkers in de waardeketen is via ons Speak Up-kanaal en via audits ter plaatse (2e en 3e partij).
Bekaert Jaarverslag 2025 − 287 −
Eind 2024 hebben we een nieuwe oplossing voor due-diligencescreening uitgerold, die de volgende belangrijke voordelen bood: volledige gegevensdekking door inherente risicoanalyse, gerichte diepere AI-analyse voor leveranciers met een hoger risico, geautomatiseerde tier-N-inventarisatie en risicobeoordeling voor geselecteerde toeleveringsketens met een hoog risico, geïntegreerd actiebeheer, een combinatie van andere risicofactoren voor de toeleveringsketen in één holistisch risicoplatform voor de toeleveringsketen.
$^{18}$ SMETA (SEDEX Members Ethical Trade Audit) is het eigen controleraamwerk van SEDEX (Supplier Ethical Data Exchange) en wordt beschouwd als een toonaangevende methodologie voor duurzaamheidsaudits in de waardeketen.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 288 −
Betrokkenheid van leveranciers
Bekaert betrekt jaarlijks strategische leveranciers bij zijn duurzaamheidsagenda via EcoVadis. Strategische leveranciers zijn Partners, Voorkeursleveranciers en leveranciers uit het gecontroleerd segment van Bekaerts Supplier Relationship Management-kader.Deze groep omvat alle leveranciers met een belangrijke commerciële of andere business impact, inclusief factoren als besteding binnen de categorie, mate waarin de materialen of diensten kritiek zijn voor onze business, risicoblootstelling van de leverancier en het samenwerkingsniveau. Het platform geeft inzicht in de duurzaamheidsprestaties van onze belangrijke leveranciers en waar ruimte voor verbetering is. EcoVadis-beoordelingen zijn geïntegreerd in onze aankoopprocessen. EcoVadis-ratings worden gevraagd tijdens de onboarding van leveranciers via ons digitaal aankoopplatform eBuy. Deze beoordelingen worden gebruikt tijdens de jaarlijkse evaluatie van de leveranciersperformantie en hun beoordelingsscores zijn opgenomen in ons Supplier Relationship Management-kader (SRM) als basis voor betere samenwerking met potentiële en bestaande voorkeursleveranciers- en partners. We hebben een globale aanpak die zich richt op de specifieke regionale en sectorale kwetsbaarheden van leveranciers die zijn geïdentificeerd als leveranciers met een hoog risico. Als bijvoorbeeld wordt vastgesteld dat een leverancier een risico heeft met betrekking tot arbeidsrechten en we hem uitnodigen om een SEDEX-vragenlijst voor zelfbeoordeling in te vullen, zullen we het resultaat evalueren en overeenkomstige maatregelen bepalen door de inherente en locatiegebonden risico's te vergelijken met het niveau van beheerscontroles dat de leverancier heeft opgegeven. SEDEX is een toonaangevend platform voor het delen van duurzaamheidsgegevens in de toeleveringsketen, ter voorbereiding van audits door derden bij leveranciers ter plaatse volgens het SMETA 18 raamwerk. ESRS S2-2 §22a-c, ESRS S2-2 §22e, ESRS S2-2 §23
Onze herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen om bezorgdheden te uiten (S2-3)
De Bekaert Gedragscode voor Leveranciers legt de vereisten op het vlak van milieu, werkomstandigheden en governance vast waaraan leveranciers moeten voldoen. De vereisten inzake kinder- en dwangarbeid zijn erin opgenomen. De Bekaert Gedragscode voor Leveranciers is van toepassing op alle leveranciers. Meer informatie is beschikbaar in rubriek S2-1 op pagina 285 van dit verslag. Bekaert heeft een centrale Speak Up- rapporteringstool, die voor iedereen beschikbaar is om een bezorgdheid te uiten. Alle individuen, met inbegrip van werknemers uit de waardeketen van Bekaert, kunnen en worden aangemoedigd om hun integriteitskwesties en/of grieven te melden via de Speak Up-tool. Meer informatie is beschikbaar in rubriek S1-3 op pagina 268 van dit verslag. . ESRS S2-3 §27 a-d, ESRS S2-3 §28
Onze actie om materiële impacts, risico's en kansen inzake werknemers in de waardeketen te beheren (S2-4)
Bekaert heeft een robuust proces voor het evalueren, prioriteren en beperken van risico's in de toeleveringsketen met betrekking tot milieu-, sociale en governance factoren. Meer informatie over dit proces is te vinden in rubriek S2-2 op pagina 286 van dit verslag. De centrale aankoopafdeling is verantwoordelijk voor due diligence in de upstream- toeleveringsketen, waaronder het ondernemen van actie op het vlak van materiële impact op werknemers in de waardeketen. Het center of excellence (COE) van de aankoopafdeling is de eigenaar van het due-diligenceproces voor de toeleveringsketen, identificeert de risico's en coördineert het hele proces. Waar nodig is de betrokken leveranciersmanager, gebaseerd op de categorie, het segment en de regio van de leverancier, verantwoordelijk om samen met de leverancier acties te ondernemen om geïdentificeerde risico's of gevolgen te beperken. Leveranciersmanagers kunnen lokale aankopers zijn of deel uitmaken van wereldwijde categorie- management teams. Group Compliance en het centrale sustainability team worden waar nodig geraadpleegd. ESRS S2-4 §32a-d, ESRS S2-4 §33a-c, ESRS S2-4 §35, ESRS S2-4 §36, ESRS S2-4 §38
Leveranciersaudits
Bekaert stelt jaarlijks een auditplanning op voor leveranciersaudits. We hebben 111 leveranciersaudits uitgevoerd in 2025, vergeleken met 104 in 2024. Leveranciersaudits worden gepland en geprioriteerd volgens 19 met een besteding van meer dan €5 000 Bekaert Jaarverslag 2025 − 289 − kwaliteitsgaranties, veranderingen of uitbreidingen aan kritische leveranciersprocessen, en het risico dat geldende doelcriteria niet behaald worden. Contracten afsluiten met onze belangrijkste leveranciers (Key Supplier Agreements) blijft zeer belangrijk in de aankoop van walsdraad en andere toeleveringscategorieën omdat ze doeltreffende partnerschappen helpen ontwikkelen waarin duurzaamheid, supply chain- integratie en innovatie centraal staan. De financiële middelen die nodig zijn voor de vermelde acties zijn geïntegreerd in de budgetten van de respectievelijke functies of divisies, waardoor de implementatie kan worden gewaarborgd zonder dat er aparte financieringsstromen nodig zijn. ESRS 2 MDR-A 69
Doelen om materiële impacts, risico's en kansen te beheren (S2-5)
In 2025 hebben we onze doelen voor duurzame inkoop vervangen door een nieuwe doel om aan te sluiten bij de verwachtingen van stakeholders en veranderende wettelijke vereisten: we willen een due-diligencedekking van meer dan 99% van onze actieve leveranciers realiseren, door potentiële negatieve duurzaamheidsimpacts en - risico's te beoordelen en acties te prioriteren. Tegen het einde van 2025 hebben we meer dan 99% van onze actieve leveranciers gescreend 19. Daarnaast verwachten we van onze leveranciers dat ze zich aansluiten bij ons duurzaamheidstraject:
* We voeren due-diligencescreening uit, prioriteren risico's en houden toezicht op mitigatiemaatregelen.
* We verwachten van onze leveranciers dat ze zich houden aan de Bekaert Gedragscode voor leveranciers.
* We verzoeken de betreffende leveranciers om het beleid van Bekaert inzake verantwoord aankopen van mineralen na te leven. We eisen van onze leveranciers dat ze alleen onderdelen, componenten of materialen leveren die tantalium, tin, wolfraam, goud, grafiet, lithium, nikkel, koper, kobalt en/of natuurlijk mica bevatten uit gebieden waar geen conflicten heersen, of die vrij zijn van kinder- of dwangarbeid. We gaan de dialoog aan met leveranciers via verzoeken om bewijs van naleving en audits van due-diligencepraktijken en relevante bedrijfsdocumenten. We eisen van onze leveranciers dat ze de Conflict Minerals Reporting Template (CMRT) en Extended Mineral Reporting Template (EMRT) invullen, die zijn aangemaakt door het Responsible Minerals Initiative (RMI), waarbij gegevens worden gedeeld over de smelterijen die upstream worden gebruikt. We eisen van alle leveranciers die onder het RMI vallen dat ze de Bekaert Gedragscode voor leveranciers ondertekenen (of het bewijs leveren dat ze de principes ervan volgen) en het beleid van Bekaert inzake verantwoord aankopen van mineralen ondertekenen. In 2025 voldeden alle leveranciers waar deze regelgeving op van toepassing is aan deze vereisten ESRS S2-5 §41, ESRS S2-5 §42a-c
Bekaert Jaarverslag 2025 − 290 −
Governance G1
Zakelijk gedrag
Materiële impacts, risico’s en kansen en hun wisselwerking met strategie en businessmodel (G1 - SBM-3)
Positieve impact - Risico We stimuleren sterke ethische bedrijfspraktijken en ESG maakt deel uit van ons raamwerk voor leveranciersbeheer. Integriteit en vertrouwen zijn kernwaarden van onze bedrijfscultuur en essentieel voor onze ambitie om de toonaangevende partner voor onze klanten te zijn.
De rol van de Raad van Bestuur (G1 - GOV-1)
De informatie over de rol van de Raad van Bestuur is beschikbaar in hoofdstuk 2 Governance / GOV 1 op pagina 204 van dit verslag. ESRS G1 GOV 1 §5a, b
Beleid inzake zakelijk gedrag en bedrijfscultuur (G1-1)
Ons beleid In december 2023 publiceerde Bekaert zijn nieuwe Gedragscode die werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De bijgewerkte Code weerspiegelt onze vernieuwde waarden, ambitie, doelstelling, onze nieuwe merkidentiteit en omvat nieuwe en bijgewerkte risicogebieden en onderwerpen zoals duurzaamheid, antitrust, diversiteit en inclusie. In 2025 werd de Code verder verfijnd om ervoor te zorgen dat deze in lijn blijft met de veranderende internationale normen. Meer informatie over de Bekaert Gedragscode is beschikbaar in rubriek S1-1 op pagina 265 en in rubriek S1-4 op pagina 268. Bekaert heeft een anti-omkoop- en anticorruptiebeleid dat van toepassing is op alle Bekaert-medewerkers en op diegenen die Bekaert vertegenwoordigen. Het beschrijft de principes waarvan we verwachten dat iedereen ze naleeft om te werken volgens de hoogste normen van bedrijfsethiek en naleving van de wet. Volgens dit Beleid zijn Bekaert en de personen die in zijn naam werken, verplicht om de toepasselijke anti-omkopings- en anticorruptiewetgeving in alle rechtsgebieden na te leven, onder meer het Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie (UNCAC), het OESO-Verdrag inzake bestrijding van omkoping van buitenlandse ambtenaren bij internationale zakelijke transacties en de lokale wetten in elk land waar we zaken doen. Dit beleid is goedgekeurd door het Uitvoerend Management. Het beleid is beschikbaar op onze website. Bekaert heeft een Gedragscode voor leveranciers die de principes uiteenzet die alle leveranciers moeten volgen. Meer informatie is beschikbaar in rubriek S2-1 op pagina 285. Bekaert heeft een beleid voor het melden van integriteitskwesties waarin de procedures worden beschreven voor het melden van integriteitskwesties, (mogelijke) schendingen van de Bekaert Gedragscode, het Mensenrechtenbeleid of andere onrechtmatige handelingen of bezorgdheden. Het omvat het toepassingsgebied, de beschikbare meldingskanalen, de opvolging en de bescherming. Dit beleid wordt beheerd door de Head of Ethics and Compliance. Het beleid is beschikbaar op onze website. ESRS G1-1 §7 Tenzij anders vermeld is de Chief Legal and Corporate Affairs Officer verantwoordelijk voor de implementatie van al het nalevingsbeleid.Onze acties Integriteit als belangrijkste drijfveer voor zakelijk gedrag Bekaert voorziet uitgebreide compliancetraining voor medewerkers over een aantal belangrijke topics inclusief maar niet gelimiteerd tot anti- omkoping en anticorruptie, antitrust, dataprivacy, compliancebewustwording, speak-up-cultuur en handelsnaleving (economische sancties). 100% van de risicofuncties vallen onder de verplichte e-learnings; bv. Algemeen Management, Financiën, Aankoop, Verkoop, Toeleveringsketen, Fabrieksonderhoud. Bekaerts trainingsprogramma bestaat uit een combinatie Bekaert Jaarverslag 2025 − 291 − van klassikale/live opleidingen en online trainingsmodules. We gebruiken een risicogebaseerde aanpak en maken training op maat voor geselecteerde functies gebaseerd op de risico's die geassocieerd zijn met hun rol. Bekaert past zijn trainingsplan doorheen het jaar aan om trends in de naleving te volgen en lessen getrokken uit interne onderzoeken aan te pakken. In 2025 herimplementeerden we zowel een verplichte cursus over de Gedragscode als een cursus over Privacy voor alle managers en bedienden bij Bekaert. Er werden ook regionale e-opleidingen gegeven over naleving op het gebied van discriminatie en anti-intimidatie. Alle managers hebben een nieuw ontwikkelde e-learningcursus over mensenrechten gevolgd, evenals een nieuwe training over de basisprincipes van AI. Managers in verkoop-, inkoop- of toeleveringsketenfuncties volgden ook een opfriscursus over sancties. Live trainingen over specifieke compliancerisico's en -beleid worden ook gegeven aan specifieke functionele groepen. Bovendien doet de afdeling Group Internal Audit regelmatig audits op de naleving van de respectieve beleidsregels en procedures en beveelt correctieve acties aan waar nodig. Alle beleidsregels zijn beschikbaar op het Bekaert Intranet.
Verbeteren van ons complianceprogramma
In 2025 hebben we ons complianceprogramma beoordeeld door compliancecontroles uit te voeren. Door middel van enquêtes en interviews met relevante groepen medewerkers hebben we de effectiviteit van het programma beoordeeld en bepaalde risico's en hiaten geïdentificeerd. Het uiteindelijke doel van deze oefening is om onze compliancecultuur verder te verbeteren en de efficiëntie van het programma te vergroten. Als direct resultaat van deze risicobeoordeling hebben we verschillende verbeteracties doorgevoerd.
ESRS G1-1§9, §10g, h Communiceren met en betrekken van onze medewerkers bij de bedrijfscultuur
Bekaerts Gedelegeerd Bestuurder en andere senior leiders communiceren regelmatig met de medewerkers over het belang van compliance. Door middel van Town Hall-vergaderingen, personeelsvergaderingen, boodschappen die via de rechtstreekse medewerkers worden verspreid of op BeHub worden geplaatst en ook in e-mailcommunicatie naar medewerkers, benadrukt het senior leiderschap het belang van integriteit en compliance en de verantwoordelijkheid van elke medewerker om het juiste te doen. De Global en Local Town Halls worden elk kwartaal georganiseerd. Bekaert voert jaarlijks een wereldwijde enquête uit om de betrokkenheid van medewerkers op alle niveaus en locaties van de organisatie te meten. Deze enquête meet onder andere de ethiek binnen de verschillende afdelingen binnen de organisatie. Meer informatie over de Town Halls en de enquête is beschikbaar in S1-2 op pagina 267.
ESRS G1-§1§9
In 2025 bleef Bekaert de centrale Speak Up-rapporteringstool promoten. Alle individuen, zoals medewerkers en externe stakeholders, waaronder leden van lokale gemeenschappen en medewerkers uit de waardeketen van Bekaert, kunnen en worden aangemoedigd om hun bezorgdheden inzake integriteit en/of grieven te melden via de Speak Up-tool. Meer informatie over onze Speak Up-tool is beschikbaar in rubriek S1-3 op pagina 268. Ons onderzoeksprotocol waarborgt de kwaliteit en consistentie van onze onderzoeken en interne rapportageverplichtingen met betrekking tot geuite bezorgdheden. Bekaert neemt alle nodige maatregelen om medewerkers te beschermen tegen elke vorm van vergelding bij het melden van een bezorgdheid. Meer informatie over ons onderzoeksprotocol is beschikbaar in rubriek S1-3 op pagina 268.
ESRS G1-1 §10a, c, e Bekaert Jaarverslag 2025 − 292 −
Preventie en opsporing van corruptie of omkoping (G1-3)
Ondanks dat dit duurzaamheidsthema niet materieel is voor Bekaert, rapporteren we deze informatie omwille van transparantievereisten van onze klanten, ratings en investeerders. We hebben een verplichte anti-omkoping- en anticorruptieopleiding die alle managers bij Bekaert en bedienden in afdelingen met frequent contact met derden tweejaarlijks moeten volgen. De laatste cursus werd in 2024 afgerond met een voltooiingspercentage van 100%.
ESRS G1-3 §18a, §21a, b
Bekaerts engagement op het vlak van integriteit, ethiek en naleving begint bij de Raad van Bestuur (Raad) en het Uitvoerend Management. Het Audit, Risk en Finance-comité (ARFC) van de Raad ontvangt kwartaalrapporten over Bekaerts complianceprogramma met betrekking tot de Gedragscode. Zaken met een hoger risico die gegrond werden bevonden worden gerapporteerd aan het Audit, Risk en Finance-comité. Zaken met een hoog risico en zaken met een gemiddeld risico die gegrond werden bevonden, worden op kwartaalbasis gerapporteerd aan het Compliance Committee, dat bestaat uit specifieke leden van het Uitvoerend Management.
ESRS G1-3 §18b, c
Bekaerts Gedelegeerd Bestuurder en andere senior leiders communiceren regelmatig met de medewerkers over het belang van compliance. Door middel van Town Hall-vergaderingen, personeelsvergaderingen, boodschappen die via de rechtstreekse medewerkers worden verspreid en in e-mailcommunicatie naar medewerkers, benadrukt het senior leiderschap het belang van integriteit en compliance en de verantwoordelijkheid van elke medewerker om het juiste te doen.
ESRS G1-3 §20
Bevestigde incidenten van corruptie of omkoping (G1-4)
Ondanks dat dit duurzaamheidsthema niet materieel is voor Bekaert, rapporteren we deze informatie omwille van transparantievereisten van onze klanten, ratings en investeerders. Bekaert beschikt over een centrale tool voor rapporterings- en onderzoeksbeheer. De tool, die alle medewerkers en ook derden de mogelijkheid biedt om bezorgdheden te melden of vragen te stellen, is één van de verschillende communicatiemiddelen om vragen te stellen of bezorgdheden aan te kaarten. De tool maakt vertrouwelijke tweerichtingscommunicatie mogelijk tussen Group Ethics and Compliance en anonieme melders en met degenen die hun identiteit hebben gedeeld in de uitgebrachte melding. Medewerkers worden aangemoedigd om hun bezorgdheid te uiten op de manier die zij het comfortabelst vinden. Ze kunnen ook terecht bij hun HR-vertegenwoordiger, bij Group Legal of Group Ethics and Compliance, bij Interne Audit of hun directe manager of leidinggevende. Ons onderzoeksprotocol waarborgt de kwaliteit en consistentie van onze onderzoeken en de bijbehorende rapportagevereisten. De onderzoeker of onderzoekscommissie staat altijd los van de managementketen die bij de zaak betrokken is. Twee aantijgingen die in 2025 werden onderzocht, hadden betrekking op een schending van het anti-omkopings- en corruptiebeleid van Bekaert. Geen daarvan leidde tot een veroordeling of een boete voor schending van anti-omkopings- of corruptiewetgeving. Deze overtredingen hadden betrekking op het verstrekken van entertainment of kleine geschenken die niet in overeenstemming waren met ons beleid. Na de onderzoeken werden uitgebreide herstelmaatregelen genomen. De acties onderstrepen ons nultolerantiebeleid en ons streven om binnen de hele organisatie de hoogste normen op het gebied van integriteit te handhaven.
ESRS G1-4 §24a, 25a Bekaert Jaarverslag 2025 − 293 −
Content Index
Op basis van de uitkomst van de dubbele materialiteitsoefening en in lijn met de overeenkomstige ESRS standaarden rapporteert Bekaert over de volgende rapporteringsvereisten:
| Nummer rapporterings- vereiste | Rapporteringsvereiste | Pagina |
|---|---|---|
| ESRS 2 | Algemene toelichtingen | |
| BP-1 | Algemene grondslag voor het opstellen van duurzaamheidsinformatie | 201 |
| BP-2 | Rapportage over specifieke omstandigheden | 201 |
| GOV-1 | De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen | 204 |
| GOV-2 | Informatie verschaft aan en omgang met duurzaamheidsthema’s door bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van de onderneming | 205 |
| GOV-3 | Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen | 205 |
| GOV-4 | Due-diligenceverklaring | 205 |
| GOV-5 | Risicobeheersing en interne controles voor duurzaamheidsrapportage | 205 |
| SMB-1 | Strategie, businessmodel en waardeketen | 206 |
| SMB-2 | Belangen en opvattingen van stakeholders | 207 |
| SMB-3 | Materiële impacts, risico’s en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel | 209 |
| IRO-1 | Beschrijving van de processen om materiële impacts, risico’s en kansen in kaart te brengen en te analyseren | 214 |
| IRO-2 | Rapportage-eisen in ESRS opgenomen in de duurzaamheidsverklaring van de onderneming | 215 |
| Milieustandaarden | EU-Taxonomie | 216 |
| EU-Taxonomie | EU-Taxonomie | 216 |
| ESRS E1 Klimaatverandering | ||
| ESRS 2 - GOV-3 | Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen | 227 |
| E1-1 | Transitieplan voor klimaatmitigatie | 227 |
| ESRS 2 - SBM-3 | Materiële impacts, risico’s en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel | 229 |
| ESRS 2 - IRO-1 | Beschrijving van de processen om materiële klimaatimpacts, -risico’s en -kansen in kaart te brengen en te analyseren | 234 |
| E1-2 | Beleid ten aanzien van klimaatmitigatie en klimaatadaptatie | 234 |
| E1-3 | Maatregelen en middelen wat betreft beleid ten aanzien van klimaatverandering | 234 |
| E1-4 | Doelen inzake klimaatmitigatie en klimaatadaptatie | 240 |
| E1-5 | Energieverbruik en energiemix | 241 |
| E1-6 | Bruto scope 1-, 2-, 3-emissies en totale broeikasgasemissies | 244 |
| E1-7 | Broeikasgasverwijderingen en projecten voor broeikasgasmitigatie gefinancierd uit carbon credits | 249 |
| E1-8 | Interne koolstofbeprijzing | 249 |
| ESRS E2 Verontreiniging | ESRS 2 - IRO-1 Beschrijving van de processen om materiële | |
| E2-1 Beleid ten aanzien van verontreiniging 250 | ||
| E2-2 Maatregelen en middelen wat betreft verontreiniging 250 | ||
| E2-3 Doelen wat betreft verontreiniging 251 | ||
| E2-5 Zorgwekkende stoffen en zeer zorgwekkende stoffen 251 | ||
| ESRS E3 Water & marine hulpbronnen | ||
| E3 - IRO-1 Beschrijving van de processen om voor water en mariene hulpbronnen materiële impacts, risico’s en kansen in kaart te brengen en te analyseren 252 | ||
| E3-1 Beleid ten aanzien van water en mariene hulpbronnen 252 | ||
| E3-2 Maatregelen en middelen wat betreft water en mariene hulpbronnen 253 | ||
| E3-3 Doelen wat betreft water en mariene hulpbronnen 253 | ||
| E3-4 Waterverbruik 254 | ||
| Bekaert Jaarverslag 2025 − 294 − | ||
| ESRS E5 Materiaalgebruik en circulaire economie | ||
| ESRS 2 - IRO-1 Beschrijving van de processen om voor materiaalgebruik en circulaire economie materiële impacts, risico’s en kansen in kaart te brengen en te analyseren 256 | ||
| E5-1 Beleid ten aanzien van materiaalgebruik en circulaire economie 256 | ||
| E5-2 Maatregelen en middelen inzake materiaalgebruik en circulaire economie 257 | ||
| E5-3 Doelen wat betreft materiaalgebruik en circulaire economie 260 | ||
| E5-4 Materiaalinstromen 261 | ||
| E5-5 Materiaaluitstromen 262 |
Sociale standaarden
ESRS S1 Eigen personeel
ESRS 2 - SBM-3 Materiële impacts, risico’s en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel 264
S1-1 Beleid ten aanzien van eigen personeel 265
S1-2 Processen om met eigen werknemers en werknemersvertegenwoordigers te overleggen over impacts 267
S1-3 Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor eigen werknemers om zorgen kenbaar te maken 268
S1-4 Acteren op materiële impacts op eigen personeel, en benaderingen om wat eigen personeel betreft materiële risico’s te mitigeren en materiële kansen te benutten, en de effectiviteit van die maatregelen 268
S1-5 Doelen wat betreft het beheersen van materiële negatieve impacts, het bevorderen van positieve impacts en het beheersen van materiële risico’s en kansen 273
S1-6 Kenmerken van de werknemers van de onderneming 274
S1-7 Kenmerken van medewerkers niet in loondienst onder het eigen personeel van de onderneming 276
S1-9 Diversiteitsmaatstaven 277
S1-11 Sociale bescherming 277
S1-13 Maatstaven voor opleiding en ontwikkeling van vaardigheden 278
S1-14 Veiligheids- en gezondheidsmaatstaven 279
S1-16 Beloningsmaatstaven (geen materieel IRO topic) 282
S1-17 Incidenten, klachten en ernstige impacts op het gebied van mensenrechten (geen materieel IRO topic) 283
ESRS S2 Werknemers in de waardeketen
ESRS 2 - SBM-3 Materiële impacts, risico’s en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel 284
S2-1 Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen 285
S2-2 Processen om met werknemers in de waardeketen te overleggen over impacts 286
S2-3 Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor werknemers in de waardeketen om zorgen kenbaar te maken 288
S2-4 Acteren op materiële impacts op werknemers in de waardeketen, en benaderingen om wat betreft werknemers in de waardeketen materiële risico’s te beheersen en materiële kansen te benutten, en de effectiviteit van die maatregelen 288
S2-5 Doelen wat betreft het beheersen van materiële negatieve impacts, het bevorderen van positieve impacts en het beheersen van materiële risico’s en kansen 289
Governance standaarden
ESRS G1 Zakelijk gedrag
G1 - SBM-3 Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel 290
G1 - GOV-1 De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen 290
G1-1 Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur 290
G1-3 Preventie en opsporing van corruptie of omkoping (geen materieel IRO topic) 292
G1-4 Bevestigde incidenten van corruptie of omkoping (geen materieel IRO topic) 292
Bekaert Jaarverslag 2025 − 295 −
Verslag van de commissaris
Bekaert Jaarverslag 2025 − 296 −
Bekaert Jaarverslag 2025 − 297 −
Bekaert Jaarverslag 2025 − 298 −
Bekaert Jaarverslag 2025 − 299 −
Deel 3 Over dit rapport
Rapporteringsprincipes 302
Verklarende woordenlijst 303
Verklaring van de verantwoordelijke personen 305
Bekaert Jaarverslag 2025 − 302 −
Rapporteringsprincipes
Rapporteringsscope
Dit rapport omvat de geconsolideerde prestatie- indicatoren voor alle dochterondernemingen van de Bekaert Groep. Geconsolideerde data is van toepassing op de 100%-dochterondernemingen van NV Bekaert SA en deze waarin NV Bekaert SA een meerderheidsparticipatie heeft. Wanneer specifiek vermeld, omvatten (gezamenlijke) verklaringen in het rapport ook de prestatiemetingen van joint ventures, beschouwd aan 100% eigendom.
Rapporteringsperiode
Dit rapport beslaat de activiteiten tussen 1 januari 2024 en 31 december 2024, tenzij anders aangegeven en indien relevant voor het rapport. Bekaert rapporteert halfjaarlijks over de financiële resultaten (halfjaar- en jaarresultaten). Bekaert rapporteert jaarlijks over de duurzaamheidsprestaties van de Groep.
Proces voor definitie van rapporteringsinhoud
De inhoud van dit rapport is vastgesteld aan de hand van de belangrijkste indicatoren van onze activiteiten, de impact van en betrokkenheid bij de belangengroepen van de onderneming, de inspanningen om de duurzaamheid te verbeteren en het detailniveau dat is vastgesteld door de CSRD (Corporate Sustainability Reporting Directive). Dit rapport voldoet aan de iXBRL/ESEF- wetgeving en bevat de uitkomst van de EU- Taxonomie geschiktheids- en afstemmingsverklaringsvereisten. De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals van kracht binnen de Europese Unie. Onze belangengroepen zijn de medewerkers, leveranciers, klanten, aandeelhouders en partners van Bekaert, lokale overheden en de gemeenschappen waar we actief zijn.
Bekaert Jaarverslag 2025 − 303 −
Verklarende woordenlijst
| Begrip | Definitie |
|---|---|
| Corporate governance verklaring woordenlijst | |
| BCCA | Belgian Code on Companies and Associates |
| GC Code 2020 | Belgian Code on Corporate Governance |
| COSO | Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission |
| ESG | Environment, Social, Governance |
| ERM | Enterprise Risk Management |
| IFRS | International Financial Reporting Standards |
| M&A | Mergers & Acquisitions |
| NRC | Nomination and Remuneration Committee |
| SH&E | Safety, Health & Environment |
| ESG verklarende woordenlijst (V)PPA's | (Virtual) Power Purchase Agreements |
| Capex | Investeringsuitgaven (Capital expenditures) |
| CO2e | Koolstofdioxide equivalent: een gestandaardiseerde eenheid die gebruikt wordt om de impact op het klimaat van verschillende broeikasgassen te meten. |
| CSRD | Richtlijn betreffende duurzaamheidsrapportage door ondernemingen (Corporate Sustainability Reporting Directive) |
| D&I | Diversiteit & Inclusie |
| GEAD | Geen ernstige afbreuk doen |
| EAP | Hulpverleningsprogramma voor medewerkers |
| EFRAG | European Financial Reporting Advisory Group |
| Medewerkers | Medewerkers op de payroll met inbegrip van arbeiders, bedienden en kaderleden |
| EPD | Milieuproductverklaringen (Environmental Product Declarations) |
| ERM | Enterprise risk management |
| ESG | Milieu, Sociaal, Governance (Environment, Social, Governance) |
| ESRS | European Sustainability Reporting Standards |
| ETS | Gereglementeerde emissiehandelssystemen |
| BKG | Broeikasgassen |
| IEA | International Energy Agency |
| ILO | International Labour Organisation |
| IPCC | Intergovernmental Panel on Climate Change |
| IRO's | Impacts, risico's en kansen |
| LCA | Levenscyclusanalyse |
| Frequentiegraad | Aantal incidenten met werkverlet per miljoen gewerkte uren |
| MSS | Minimale sociale waarborgen |
| Medewerkers niet in loondienst onder het eigen personeel | Medewerkers die niet op onze payroll staan, maar onze medewerkers op de payroll aanvullen |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 304 −
| Begrip | Definitie |
|---|---|
| ESG verklarende woordenlijst | |
| OECD | Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Organisation for Economic Co-operation and Development) |
| Opex | Operationele kosten (Operating expenses) |
| Eigen personeel | Medewekers + Medewerkers niet in loondienst onder het eigen personeel |
| SBTi | Science Based Targets initiatief |
| SC | Substantiële bijdrage |
| SI | Serious Injury (incidenten met levensingrijpende letsels) |
| Ernstgraad | Aantal ongevallen met levensveranderende letsels per miljoen gewerkte uren |
| SRM | Beheer van leveranciersrelaties |
| Strategische leveranciers | Strategische leveranciers zijn Partners, Voorkeursleveranciers en leveranciers uit het gecontroleerd segment van Bekaerts framework voor relationshipbeheer. Deze groep omvat alle leveranciers met een belangrijke commerciële of andere business impact, inclusief factoren als besteding binnen de categorie, mate waarin de materialen of diensten kritiek zijn voor onze business, risicoblootstelling van de leverancier en het samenwerkingsniveau. |
| Duurzame oplossingen | Producten en oplossingen die volgens het EU-Taxonomie kader gedefinieerd en geklassificeerd zijn |
| TCFD | Task Force on Climate-related Financial Disclosures |
| Gerapporteerde incidentengraad | Aantal incidenten per miljoen gewerkte uren |
Bekaert Jaarverslag 2025 − 305 −
Verklaring van de verantwoordelijke personen
De ondertekenende personen verklaren dat, voor zover hen bekend:
• de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen per 31 december 2024 opgesteld is overeenkomstig de International Financial Reporting Standards, en een getrouw beeld geeft van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen; en
• het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsmede een beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden; en
• de niet-financiële informatie van 2024 van NV Bekaert SA, haar dochterondernemingen en, waar toepasselijk, de joint ventures, zijn opgesteld in overeenkomst met de CSRD (Corporate Sustainability Reporting Directive) en haarESRS-normen en met verwijzing naar de GRI-normen).
Namens de Raad van Bestuur:
Yves Kerstens Jürgen Tinggren
Chief Executive Officer Chairman of the Board of Directors
Company Secretary
Isabelle Vander Vekens
Auditors
EY
De audit-opinie over de financiële informatie is opgenomen in het Financieel Overzicht van dit jaarverslag. De audit-opinie over niet-financiële rapportage (assurance opdracht met beperkte mate van zekerheid) is opgenomen in de duurzaamheidsinformatie. Het verwijst naar de audits die zijn uitgevoerd op rapportage in overeenstemming met de CSRD en de ESRS- normen.
Editor & coordination
Javier Sanchez Saura, Investor Relations Manager
Bekaert Jaarverslag 2025 − 306 −
Disclaimer
Dit rapport kan toekomstgerichte verklaringen bevatten. Die verklaringen reflecteren de huidige inzichten van de bedrijfsleiding aangaande toekomstige gebeurtenissen, en zijn onderhevig aan bekende en onbekende risico’s, onzekerheden en andere factoren die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten aanzienlijk verschillen van toekomstige resultaten of prestaties die door die toekomstgerichte verklaringen worden uitgedrukt of die daaruit zouden kunnen worden afgeleid. Bekaert verstrekt de in dit rapport opgenomen informatie per huidige datum en neemt geen enkele verplichting op om de toekomstgerichte verklaringen in het licht van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderszins te actualiseren. Bekaert wijst elke aansprakelijkheid af voor verklaringen die door derden worden afgelegd of gepubliceerd, en neemt geen enkele verplichting op om onnauwkeurige gegevens, informatie, conclusies of opinies te corrigeren die door derden worden gepubliceerd met betrekking tot dit of enig ander rapport of persbericht dat door Bekaert wordt verspreid.
Contact
bekaert.com
[email protected]
T +32 56 76 61 00
Het geïntegreerd jaarverslag betreffende het boekjaar 2024 is beschikbaar in het Engels en het Nederlands op onze website