AI assistant
ageas SA/NV — Interim / Quarterly Report 2014
May 14, 2014
3905_rns_2014-05-14_d164a052-c824-4f11-afd7-0a4b201ad569.pdf
Interim / Quarterly Report
Open in viewerOpens in your device viewer
Your Partner in Insurance
Geconsolideerd tussentijds financieel verslag - Ageas
2
Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag
voor de eerste drie maanden van 2014
BRUSSEL 14 mei 2014
3
| Verslag van de Raad van Bestuur van Ageas 6 | |
|---|---|
| Geconsolideerd tussentijds financieel verslag voor de eerste drie maanden van 2014 9 | |
| Geconsolideerde balans 10 | |
| Geconsolideerde 11 | |
| Resultatenrekening 11 | |
| Overzicht van het comprehensive income 12 | |
| Geconsolideerd overzicht van wijzigingen in het eigen vermogen 13 | |
| Geconsolideerd 14 | |
| kasstroomoverzicht 14 | |
| Algemene Informatie 15 | |
| 1 Samenvatting grondslagen voor financiële verslaggeving en consolidatie 16 |
|
| 2 Overnames en desinvesteringen 20 |
|
| 3 Uitstaande aandelen en winst per aandeel 21 |
|
| 4 Toezicht en solvabiliteit 24 |
|
| 5 Verbonden partijen 27 |
|
| Toelichting op de geconsolideerde balans 28 | |
| 6 Geldmiddelen en kasequivalenten 29 |
|
| 7 Financiële beleggingen 30 |
|
| 8 Leningen 37 |
|
| 9 Beleggingen in geassocieerde deelnemingen 38 |
|
| 10 Calloptie op BNP Paribas aandelen 39 |
|
| 11 Verzekeringsverplichtingen 40 |
|
| 12 Schuldbewijzen 41 |
|
| 13 Achtergestelde schulden 42 |
|
| 14 Leningen 44 |
|
| 15 Acute en uitgestelde belastingen 45 |
|
| 16 RPN(I) 46 |
|
| 17 Voorzieningen 47 |
|
| 18 Verplichting ivm geschreven putoptie op door BNP Paribas Fortis SA/NV gehouden AG Insurance aandelen 48 |
|
| Toelichting op de geconsolideerde resultaten- rekening 50 | |
| 19 Verzekeringspremies 51 |
|
| 20 Rentebaten, dividend en overige beleggingsbaten 53 |
|
| 21 Resultaat op verkoop en herwaarderingen 54 |
|
| 22 Schadelasten en uitkeringen 55 |
|
| 23 Financieringslasten 56 |
|
| 24 Wijzigingen in de bijzondere waardeverminderingen 57 |
|
| Informatie operationele segmenten 58 | |
| 25 Informatie operationele segmenten 59 |
|
| 26 Voorwaardelijke verplichtingen 71 |
|
| 27 Derivaten 75 |
|
| 29 Gebeurtenissen na balansdatum 78 |
|
| Bericht van de Raad van Bestuur 79 | |
| Controle verklaring van de onafhankelijke accountant 80 |
| Resultatenrekening | Eerste drie | Eerste drie | Eerste drie | Eerste drie |
|---|---|---|---|---|
| maanden 2014 | maanden 2013 | maanden 2012 | maanden 2011 | |
| Bruto premie-inkomen | 2.789,6 | 2.628,1 | 2.820,7 | 3.166,0 |
| Totale baten | 3.417,4 | 3.499,7 | 4.042,8 | 3.124,4 |
| Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders | 30,1 | 293,0 | - 83,8 | - 153,6 |
| - waarvan Verzekeringen | 144,8 | 157,2 | 154,8 | 134,5 |
| - waarvan Algemene Rekening (inclusief eliminaties) | - 114,7 | 135,8 | - 238,6 | - 288,1 |
| Balans 1) | 31 december | 31 december | 31 december | |
|---|---|---|---|---|
| 31 maart 2014 | 2013 | 2012 | 2011 | |
| Totaal activa | 97.149,1 | 94.782,6 | 97.085,7 | 90.602,2 |
| Technische voorzieningen | 77.392,7 | 76.022,7 | 76.318,3 | 70.599,6 |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 8.996,2 | 8.525,1 | 9.799,4 | 7.760,3 |
| Minderheidsbelangen | 824,7 | 804,9 | 871,5 | 607,4 |
| Totaal eigen vermogen | 9.820,9 | 9.330,0 | 10.670,9 | 8.367,7 |
| Aandeel-gerelateerde informatie (in EUR) | Eerste drie | Eerste drie | Eerste drie | Eerste drie |
|---|---|---|---|---|
| maanden 2014 | maanden 2013 | maanden 2012 | maanden 2011 | |
| Gewoon resultaat per aandeel 2) | 0,13 | 1,27 | - 0,35 | - 0,06 |
| Rendement eigen vermogen 3) | 1,4% | 12,0% | - 4,2% | - 8,1% |
| Rendement eigen vermogen (Verzekeringsbedrijf) 3) | 7,4% | 7,7% | 9,9% | 9,8% |
| Aantal aandelen (in miljoenen) 2) | 225,0 | 229,2 | 238,9 | 258,3 |
| Overige gegevens | Eerste drie | Eerste drie | Eerste drie | Eerste drie |
|---|---|---|---|---|
| maanden 2014 | maanden 2013 | maanden 2012 | maanden 2011 | |
| Gecombineerde ratio | 102,6% | 98,9% | 101,9% | 102,6% |
| Operationele kosten Leven in % van het gemiddeld beheerd vermogen Leven | 0,48% | 0,50% | 0,51% | 0,51% |
| Solvabiliteitsratio totaal verzekeringen | 209,1% | 202,1% | 206,0% | 203,8% |
| Solvabiliteitsratio totaal groep | 212,8% | 228,9% | 235,7% | 246,1% |
| Aantal werknemers (FTE) | 12.480 | 12.797 | 12.727 | 12.000 |
1) Sinds 1 januari 2013 is een herziene standaard IAS 19 'Personeelsbeloningen' van kracht. De belangrijkste wijziging in de herziene standaard is de directe opname in het eigen vermogen van 'niet opgenomen actuariële winsten en verliezen' per de ingangsdatum, in plaats van de zogenaamde corridormethode. De vergelijkende cijfers van 2012 zijn in verband hiermee aangepast.
2) De cijfers van 2011 en 2010 zijn voor vergelijkingsdoeleinden aangepast, waarbij rekening is gehouden met de reverse stock split in 2012 (10 opties dienden uitgeoefend te worden om één aandeel te verkrijgen, zie noot 3 Uitstaande aandelen en winst per aandeel).
3) Gebaseerd op een nettoresultaat op jaarbasis, gedeeld door het gemiddeld eigen vermogen op 1 januari en 31 maart.
4) De vergelijkende cijfers voor 2013 zijn gewijzigd als gevolg van de gewijzigde consolidatiemethode van Tesco Insurance (zie noot 1 Samenvatting grondslagen voor financiële verslaggeving en consolidatie). Met ingang van 1 januari 2014 is Tesco Insurance opgenomen in de consolidatiescope als een geassocieerde deelneming in plaats van een volledig geconsolideerde onderneming.
Verslag van de Raad van Bestuur van Ageas
Resultaten voor de eerste drie maanden van 2014
De nettowinst voor de Groep bedroeg in de eerste drie maanden van 2014 EUR 30 miljoen, tegenover een nettowinst van EUR 293 miljoen in de eerste drie maanden van 2013. De daling is voornamelijk toe te schrijven aan het resultaat van de Algemene Rekening, EUR 115 miljoen negatief, waarvan EUR 104 miljoen betrekking heeft op de stijging van de RPN(I) verplichting (versus een nettowinst van EUR 136 miljoen in de eerste drie maanden van 2013 door eenmalige posten vanwege financïele zaken uit het verleden).
Het totale eigen vermogen is gestegen van EUR 8,5 miljard ofwel EUR 37,65 per aandeel eind 2013 naar EUR 9,0 miljard eind maart, ofwel EUR 39,99 per aandeel. Deze stijging is vrijwel helemaal toe te schrijven aan de hogere ongerealiseerde winst van EUR 430 miljoen op de totale beleggingsportefeuille als gevolg van de lagere rente op de obligatieportefeuille.
De solvabiliteitsratio's van Verzekeringen en de Groep bedroegen respectievelijk 209% en 213%. Het totale beschikbare kapitaal lag EUR 4,6 miljard boven het wettelijk vereiste minimum.
Verzekeringen
De nettowinst van Verzekeringen bedroeg in het eerste kwartaal EUR 145 miljoen, tegenover EUR 157 miljoen vorig jaar.
Leven
De Levenactiviteiten droegen EUR 129 miljoen bij aan het nettoresultaat, een stijging van 19% ten opzichte van vorig jaar. Deze stijging wordt voornamelijk verklaard door betere operationele marges op garantieproducten in België, lagere belastingen in België en Continentaal Europa en een hoger nettoresultaat in China.
In België bedroeg het nettoresultaat EUR 75 miljoen in vergelijking met EUR 64 miljoen vorig jaar met een solide totale operationele marge van 85 bps in vergelijking met 73 bps vorig jaar en een lager effectief belastingtarief.
In Continentaal Europa steeg het resultaat in het eerste kwartaal met EUR 6 miljoen naar EUR 19 miljoen. Een positieve belastingvermindering in Frankrijk compenseerde het lagere operationele resultaat in Portugal en de lagere bijdrage van het partnership in Luxemburg ruimschoots.
In Azië, steeg het nettoresultaat van EUR 32 miljoen naar EUR 35 miljoen. De solide resultaten in China en Thailand compenseerden de resultaten in Maleisië ruimschoots. Het solide nettoresultaat in China kwam voort uit de verkopen van een betere productmix via het agentschappenkanaal. De sterke organische groei van winstgevende producten en voortgaande kostenbesparingen ondersteunden het nettoresultaat in Thailand. Het nettoresultaat in Hong Kong had te lijden van een lager persistentieratio in de unitlinked portefeuille.
Niet-Leven
Het nettoresultaat van Niet-Leven daalde naar EUR 12 miljoen (t.o.v. EUR 46 miljoen) met lagere resultaten in alle segmenten, met uitzondering van Continentaal Europa.
In België daalde de bijdrage aan het nettoresultaat naar EUR 12 miljoen (t.o.v. EUR 16 miljoen) voornamelijk als gevolg van een zwakke prestatie in Ongevallen & Ziekte en Overige Verzekeringen waarop wettelijke aansprakelijkheid betrekking heeft.
In het VK bedroeg het nettoresultaat EUR 10 miljoen negatief (t.o.v. een nettowinst van EUR 20 miljoen). Het slechte weer had een negatief effect op voornamelijk Woning en Overige verzekeringen, met name op bedrijfsverzekeringen terwijl Auto te kampen had met een aantal grote individuele schadeclaims.
In Continentaal Europa, bedroeg de nettowinst EUR 5,4 miljoen (t.o.v. EUR 4,5 miljoen) met een positieve bijdrage van alle Niet-Leven entiteiten en ondanks de negatieve valuta-impact in Turkije.
In Azië daalde het nettoresultaat naar EUR 4 miljoen als gevolg van een ongunstige ontwikkeling van de valutakoersen en lagere beleggingsinkomsten.
De combined ratio van de Groep bedroeg 102,6% in vergelijking met 98,9% in 2013. De combined ratios waren in alle business segmenten hoger, vooral in België en het VK (respectievelijk 101,4% en 106,1%). De schadereserve voor voorgaande jaren bedroeg 2,7% in vergelijking met 4,1% vorig jaar. De negatieve ontwikkeling bleef voornamelijk beperkt tot Woning en Overige verzekeringen en werd hoofdzakelijk veroorzaakt door het slechte weer in het VK. De totale impact van het slechte weer op de combined ratio van de Groep wordt op ongeveer 3,8% geschat.
Overige verzekeringen, waaronder de retailactiviteiten in het VK vallen, boekten een totaal inkomen van EUR 69 miljoen, een stijging van 11% inclusief EUR 6 miljoen afkomstig uit een juridische afwikkeling.
Het nettoresultaat van alle Overige Verzekeringen bedroeg EUR 4,5 miljoen (t.o.v. EUR 3,6 miljoen), inclusief EUR 4,7 miljoen kosten ten behoeve van het regionale hoofdkantoor (t.o.v. EUR 3,9 miljoen) en inclusief de hierboven genoemde netto positieve impact van de juridische afwikkeling.
Algemene Rekening
Het nettoresultaat van de Algemene Rekening bedroeg EUR 115 miljoen negatief, waarvan EUR 104 miljoen betrekking heeft op de stijging van de RPN(I) verplichting. Eind maart bedroeg de waarde van deze verplichting op EUR 474 miljoen, als gevolg van de verdere koersstijging van de CASHES.
RPN(I)
De stijging van het referentiebedrag van EUR 370 miljoen per jaareinde 2013 naar EUR 474 miljoen op 31 maart 2014 werd voornamelijk verklaard door een stijging van de prijs van de CASHES van 67,88% naar 77,80% in de eerste drie maanden van 2014, en slechts deels gecompenseerd door de stijging van het Ageas aandeel van EUR 30,95 naar EUR 32,35 in dezelfde periode.
Met ingang van 1 april 2014 is de staatsgarantie op de rentebetalingen van Ageas aan BNP Paribas Fortis SA/NV ingetrokken. Het onderpand van 14% van de aandelen AG Insurance ten gunste van de Belgische staat is vervangen door een onderpand van maximaal 7,3% van de aandelen AG Insurance ten gunste van BNP Paribas Fortis SA/NV.
De totale kosten voor Ageas bedragen nog steeds 3-maands Euribor plus 90 basispunten over het referentiebedrag.
Voor nadere details over het referentiebedrag en de waardering van de RPN(I) verwijzen wij naar Noot 16.
Overige posten
De netto rentebaten bedroegen EUR 3 miljoen positief ten opzichte van EUR 2 miljoen negatief. Deze verbetering heeft te maken met de herstructurering van schuld in de loop van 2013.
Personeels- en overige operationele kosten daalden in de eerste drie maanden licht van EUR 11 miljoen naar EUR 10 miljoen.
Nettokaspositie Algemene Rekening
De nettokaspositie van de Algemene Rekening bedroeg eind maart EUR 1,8 miljard.
De nettokaspositie daalde enigszins van EUR 1,9 miljard eind 2013. Deze daling vloeit voort uit de uitstroom ten behoeve van de financiering van het inkoopprogramma van eigen aandelen 2013 en de investering in langetermijnobligaties.
Voorwaardelijke verplichtingen
Voor het volledige overzicht van de 'Voorwaardelijke verplichtingen gerelateerd aan gerechtelijke procedures' wordt verwezen naar noot 26.
Brussel, 13 mei 2014
Raad van Bestuur
Geconsolideerd tussentijds financieel verslag voor de eerste drie maanden van 2014
Geconsolideerde balans
(voor winstbestemming)
| Noot | 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|---|
| Activa | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 6 | 2.939,7 | 2.156,6 |
| Financiële beleggingen | 7 | 63.377,5 | 61.667,7 |
| Vastgoedbeleggingen | 7 | 2.345,0 | 2.354,5 |
| Leningen | 8 | 5.463,2 | 5.784,4 |
| Beleggingen inzake unit-linked contracten | 14.498,8 | 14.097,5 | |
| Beleggingen in geassocieerde deelnemingen | 9 | 1.585,4 | 1.530,2 |
| Herverzekering en overige vorderingen | 2.126,4 | 2.020,0 | |
| Actuele belastingvorderingen | 54,6 | 73,9 | |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 15 | 70,0 | 80,1 |
| Overlopende rente en overige activa | 2.187,5 | 2.516,2 | |
| Materiële vaste activa | 1.101,9 | 1.088,9 | |
| Goodwill en overige immateriële vaste activa | 1.399,1 | 1.412,6 | |
| Totaal activa | 97.149,1 | 94.782,6 | |
| Verplichtingen | |||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven | 11.1 | 26.727,1 | 26.262,7 |
| Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven | 11.2 | 29.156,4 | 28.792,8 |
| Verplichtingen inzake unit-linked contracten | 11.3 | 14.571,8 | 14.170,0 |
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven | 11.4 | 6.937,4 | 6.797,2 |
| Schuldbewijzen | 12 | 33,3 | 68,4 |
| Achtergestelde schulden | 13 | 1.970,9 | 1.971,0 |
| Leningen | 14 | 2.404,9 | 2.363,7 |
| Actuele belastingschulden | 131,2 | 70,7 | |
| Uitgestelde belastingschulden | 15 | 1.263,7 | 1.124,0 |
| RPN(I) | 16 | 473,8 | 370,1 |
| Overlopende rente en overige verplichtingen | 2.354,8 | 2.162,0 | |
| Voorzieningen | 17 | 28,9 | 45,0 |
| Verplichting inzake geschreven putoptie | 18 | 1.274,0 | 1.255,0 |
| Totaal verplichtingen | 87.328,2 | 85.452,6 | |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 3 | 8.996,2 | 8.525,1 |
| Minderheidsbelangen | 824,7 | 804,9 | |
| Totaal eigen vermogen | 9.820,9 | 9.330,0 | |
| Totaal verplichtingen en eigen vermogen | 97.149,1 | 94.782,6 |
De vergelijkende cijfers voor 2013 zijn in alle tabellen in dit geconsolideerd tussentijds financieel verslag gewijzigd, als gevolg van de wijziging in de consolidatiemethode van Tesco Insurance (zie noot 1 Samenvatting grondslagen voor financiële verslaggeving en consolidatie). Met ingang van 1 januari 2014 is Tesco Insurance opgenomen in de consolidatiescope als een geassocieerde deelneming en niet meer als een volledig geconsolideerde onderneming.
Geconsolideerde Resultatenrekening
| Noot | Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|---|
| Baten | |||
| - Bruto premies |
2.346,3 | 2.240,6 | |
| - Wijziging in niet-verdiende premies |
- 139,4 | - 103,4 | |
| - Afgegeven herverzekeringspremies |
- 90,3 | - 88,8 | |
| Netto verdiende premies | 19 | 2.116,6 | 2.048,4 |
| Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten | 20 | 716,0 | 737,2 |
| (On)gerealiseerde winst (verlies) op call optie BNP Paribas aandelen | - 90,0 | ||
| Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) | - 103,7 | 10,0 | |
| Resultaat op verkoop en herwaarderingen | 21 | 78,3 | 63,5 |
| Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten | 418,9 | 308,8 | |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | 36,2 | 272,0 | |
| Commissiebaten | 96,0 | 103,5 | |
| Overige baten | 59,1 | 46,3 | |
| Totale baten | 3.417,4 | 3.499,7 | |
| Lasten | |||
| - Schadelasten en uitkeringen, bruto |
- 2.128,8 | - 2.021,7 | |
| - Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars |
47,1 | 39,2 | |
| Schadelasten en uitkeringen, netto | 22 | - 2.081,7 | - 1.982,5 |
| Lasten inzake unit-linked contracten | - 419,2 | - 311,0 | |
| Financieringslasten | 23 | - 39,6 | - 65,0 |
| Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen | 24 | - 5,1 | - 10,9 |
| Wijzigingen in voorzieningen | 17 | - 0,6 | - 3,6 |
| Commissielasten | - 329,2 | - 311,9 | |
| Personeelskosten | - 205,0 | - 200,3 | |
| Overige lasten | - 224,9 | - 216,5 | |
| Totale lasten | - 3.305,3 | - 3.101,7 | |
| Resultaat voor belastingen | 112,1 | 398,0 | |
| Belastingbaten (lasten) | - 39,3 | - 64,1 | |
| Nettoresultaat over de periode | 72,8 | 333,9 | |
| Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen | 42,7 | 40,9 | |
| Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders | 30,1 | 293,0 | |
| Gegevens per aandeel (EUR) | |||
| Gewoon resultaat per aandeel | 3 | 0,13 | 1,27 |
| Verwaterd resultaat per aandeel | 3 | 0,13 | 1,27 |
Het bruto premie-inkomen (som van brutopremies en premies uit beleggingscontracten zonder 'Discretionary Participation Features') kan als volgt worden berekend.
| Noot | Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|---|
| Bruto premies | 2.346,3 | 2.240,6 | |
| Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF | 443,3 | 387,5 | |
| (direct verantwoord als verplichting) | |||
| Bruto premie-inkomen | 19 | 2.789,6 | 2.628,1 |
Overzicht van het comprehensive income
| Overig comprehensive income | Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | ||
|---|---|---|---|---|
| Onderdelen die niet naar de resultatenrekening zullen worden geclassificeerd: | ||||
| De herberekening van de verplichting inzake de toegezegdpensioenregeling | - 66,5 | |||
| Gerelateerde belasting | 19,2 | |||
| De herberekening van de verplichting inzake de toegezegdpensioenregeling | - 47,3 | |||
| Totaal van de onderdelen die niet naar de resultatenrekening zullen worden geclassificeerd: | - 47,3 | |||
| Onderdelen die (kunnen) worden geherclassificeerd naar de resultatenrekening | ||||
| Wijzigingen in amortisatie van investeringen tot einde looptijd aangehouden | 7,8 | 7,5 | ||
| Gerelateerde belasting | - 2,0 | - 1,8 | ||
| Wijziging in beleggingen Tot einde looptijd aangehouden | 5,8 | 5,7 | ||
| Wijzigingen in herwaardering van investeringen beschikbaar voor verkoop 1) | 744,1 | - 207,3 | ||
| Gerelateerde belasting | - 217,4 | 71,4 | ||
| Wijzigingen in herwaardering van investeringen beschikbaar voor verkoop | 526,7 | - 135,9 | ||
| Aandeel in Overig comprehensive income van geassocieerde deelnemingen | 26,9 | - 71,9 | ||
| Gerelateerde belasting | ||||
| Aandeel in Overig comprehensive income van geassocieerde deelnemingen | 26,9 | - 71,9 | ||
| Wijzigingen in omrekeningsverschillen | 5,0 | 23,5 | ||
| Gerelateerde belasting | ||||
| Wijzigingen in omrekeningsverschillen | 5,0 | 23,5 | ||
| Totaal van de onderdelen die (kunnen) worden geherclassificeerd naar de resultatenrekening | 564,4 | - 178,6 | ||
| Overig comprehensive income over de periode, na belastingen | 517,1 | - 178,6 | ||
| Nettoresultaat over de periode | 72,8 | 333,9 | ||
| Totaal Overig comprehensive income over de periode | 589,9 | 155,3 | ||
| Nettoresultaat toewijsbaar aan minderheidsbelangen | 42,7 | 40,9 | ||
| Overig comprehensive income toewijsbaar aan minderheidsbelangen | 123,4 | - 21,0 | ||
| Totaal Overig comprehensive income toewijsbaar aan minderheidsbelangen | 166,1 | 19,9 | ||
| Totaal Overig comprehensive income over de periode, toewijsbaar | ||||
| aan de aandeelhouders | 423,8 | 135,4 |
1) De Wijzigingen in herwaardering van Investeringen beschikbaar voor verkoop, bruto, zijn met inbegrip van kasstroomafdekkingen en na koersverschillen en shadow accounting.
Geconsolideerd overzicht van wijzigingen in het eigen vermogen
| On- | Eigen | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Koers- | Netto resultaat gerealiseerde | vermogen | Minder- | Totaal | |||||
| Aandelen- | Agio | Overige verschillen | toewijsbaar aan | winsten en | toewijsbaar aan | heids- | eigen | ||
| kapitaal | reserve reserves | reserve aandeelhouders | verliezen aandeelhouders belangen vermogen | ||||||
| Stand per 1 januari 2013 | 2.042,2 2.968,1 | 1.950,2 | 173,6 | 743,0 | 1.922,3 | 9.799,4 | 757,2 | 10.556,6 | |
| Netto resultaat over de periode | 293,0 | 293,0 | 40,9 | 333,9 | |||||
| Herwaardering van investeringen | - 181,0 | - 181,0 | - 21,0 | - 202,0 | |||||
| Omrekeningsverschillen | 23,5 | 23,5 | 23,5 | ||||||
| Totaal | 23,5 | 293,0 | - 181,0 | 135,5 | 19,9 | 155,4 | |||
| Overdracht | 743,0 | - 743,0 | |||||||
| Dividend | - 21,7 | - 21,7 | |||||||
| Eigen aandelen | - 65,0 | - 65,0 | - 65,0 | ||||||
| Op aandelen gebaseerde beloning | 0,3 | 0,3 | 0,3 | ||||||
| Impact geschreven putoptie op minderheidsbelang | - 65,6 | - 65,6 | 8,6 | - 57,0 | |||||
| Overige veranderingen in het eigen vermogen | - 5,4 | - 5,4 | - 5,4 | ||||||
| Stand per 31 maart 2013 | 2.042,2 2.968,4 | 2.557,2 | 197,1 | 293,0 | 1.741,3 | 9.799,2 | 764,0 | 10.563,2 | |
| Stand per 1 januari 2014 | 1.727,8 2.854,1 | 2.080,4 | - 2,7 | 569,5 | 1.296,0 | 8.525,1 | 804,9 | 9.330,0 | |
| Netto resultaat over de periode | 30,1 | 30,1 | 42,7 | 72,8 | |||||
| Herwaardering van investeringen | 429,7 | 429,7 | 129,7 | 559,4 | |||||
| Herwaardering IAS 19 | - 41,0 | - 41,0 | - 6,3 | - 47,3 | |||||
| Omrekeningsverschillen | 5,0 | 5,0 | 5,0 | ||||||
| Totaal | - 41,0 | 5,0 | 30,1 | 429,7 | 423,8 | 166,1 | 589,9 | ||
| Overdracht | 569,5 | - 569,5 | |||||||
| Dividend | - 34,2 | - 34,2 | |||||||
| Eigen aandelen | - 47,2 | - 47,2 | - 47,2 | ||||||
| Op aandelen gebaseerde beloning | 0,7 | 0,7 | 0,7 | ||||||
| Impact geschreven putoptie op minderheidsbelang | 93,4 | 93,4 | - 112,4 | - 19,0 | |||||
| Overige veranderingen in het eigen vermogen | 4,9 | - 4,5 | 0,4 | 0,3 | 0,7 | ||||
| Stand per 31 maart 2014 | 1.727,8 2.854,8 | 2.660,0 | 2,3 | 30,1 | 1.721,2 | 8.996,2 | 824,7 | 9.820,9 |
Geconsolideerd kasstroomoverzicht
| Noot | Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|---|
| Geldmiddelen en kasequivalenten per 1 januari | 6 | 2.156,6 | 2.033,5 |
| Resultaat voor belastingen | 112,1 | 398,0 | |
| Aanpassingen om het resultaat te laten aansluiten op de kasstroom uit bedrijfsactiviteiten: | |||
| Call optie op BNP Paribas aandelen | 10 | 90,0 | |
| Herberekening RPN(I) | 16 | 103,7 | - 10,0 |
| (On)gerealiseerde winsten (verliezen) | 21 | - 78,3 | - 63,5 |
| Baten van geassocieerde deelnemingen | - 36,2 | - 272,0 | |
| Afschrijvingen en oprenting | 190,1 | 184,5 | |
| Bijzondere waardeverminderingen | 24 | 5,1 | 10,9 |
| Voorzieningen | 17 | 0,6 | 3,6 |
| Op aandelen gebaseerde beloningen | 0,7 | 0,3 | |
| Totaal van de aanpassingen om het resultaat te laten aansluiten op de kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 297,8 | 341,8 | |
| Wijzigingen in operationele activa en verplichtingen: | |||
| Activa en verplichtingen aangehouden voor handelsdoeleinden | 7 | 0,7 | 35,9 |
| Leningen | 8 | 320,3 | - 549,4 |
| Herverzekering en overige vorderingen | - 94,7 | - 31,3 | |
| Beleggingen inzake unit-linked contracten | - 401,7 | - 359,8 | |
| Schulden | 14 | 41,2 | - 8,8 |
| Verplichtingen inzake verzekerings- en beleggingscontracten | 11.1 & 11.2 | 942,7 | 423,5 |
| Verplichtingen inzake unit-linked contracten | 11.3 | 407,5 | 358,9 |
| Netto wijzigingen in alle overige operationele activa en verplichtingen | - 417,4 | 146,9 | |
| Dividend ontvangen van geassocieerde deelnemingen | 2,8 | ||
| Betaalde winstbelastingen | - 31,4 | - 15,0 | |
| Totaal van de wijzigingen in operationele activa en verplichtingen | 770,0 | 0,9 | |
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 1.067,8 | 342,7 | |
| Aankoop van beleggingen | - 3.537,8 | - 4.082,6 | |
| Opbrengsten uit verkoop en aflossingen beleggingen | 3.372,8 | 3.741,3 | |
| Aankoop van vastgoedbeleggingen | - 15,3 | - 129,3 | |
| Opbrengsten uit verkoop van vastgoedbeleggingen | 10,4 | 6,7 | |
| Aankopen van materiële vaste activa | - 32,6 | - 14,9 | |
| Opbrengsten uit verkoop van materiële vaste activa | 2,1 | 4,9 | |
| Aankoop (kapitaalinjectie) van dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen | |||
| (inclusief kapitaalverhogingen van deelnemingen) | 2 | - 0,7 | - 87,4 |
| Desinvestering van dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen | |||
| (inclusief kaitaalterugbetalingen van deelnemingen) | 2 | 0,1 | |
| Aankoop van immateriële vaste activa | - 3,3 | - 2,7 | |
| Opbrengsten uit verkoop van immateriële vaste activa | 3,4 | 0,2 | |
| Kasstroom uit investeringsactiviteiten | - 201,0 | - 563,7 | |
| Aflossing van schuldbewijzen | 4, 12 & 14 | - 35,0 | - 26,2 |
| Opbrengsten uit uitgifte van achtergestelde schulden | 13 | 420,2 | |
| Terugbetaling van achtergestelde schulden | 13 | - 163,6 | |
| Opbrengsten uit uitgifte van overige financieringen | 14 | 1,4 | 0,7 |
| Terugbetaling van overige financieringen | - 2,5 | - 10,3 | |
| Aankoop van eigen aandelen | 3 & 4 | - 47,2 | - 65,0 |
| Dividenden uitgekeerd aan aandeelhouders | 4 | - 2,3 | |
| Uitgekeerd dividend aan minderheidsbelangen | 4 | - 2,3 | - 21,8 |
| Kasstroom uit financieringsactiviteiten | - 85,6 | 131,7 | |
| Effect van omrekeningsverschillen van geldmiddelen en kasequivalenten | 1,9 | - 9,1 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten per 31 maart | 6 | 2.939,7 | 1.935,1 |
| Bijkomende toelichting inzake kasstromen uit bedrijfsactiviteiten | |||
| Ontvangen rente | 20 | 991,7 | 1.022,3 |
| Ontvangen dividenden van beleggingen | 20 | 13,6 | 12,1 |
| Betaalde rente | 23 | - 38,0 | - 61,9 |
Algemene Informatie
1 Samenvatting grondslagen voor financiële verslaggeving en consolidatie
Het geconsolideerd tussentijds financieel verslag voor de eerste drie maanden van 2014 van Ageas is opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) geldend per 1 januari 2014, zoals gepubliceerd door de International Accounting Standards Board (IASB) en zoals aanvaard binnen de Europese Unie (EU) per die datum.
1.1 Grondslagen voor financiële verslaggeving
De grondslagen zijn ongewijzigd ten opzichte van het boekjaar eindigend op 31 december 2013. Wijzigingen in IFRS die op 1 januari 2014 in werking zijn getreden en die van belang zijn voor Ageas (en zijn goedgekeurd door de EU) staan vermeld in paragraaf 1.2. De grondslagen zoals hier beschreven, zijn een samenvatting van de volledige grondslagen voor de verslaggeving die op
www.ageas.com/nl/over-ageas/toezicht-audit-en-boekhoudregels worden weergegeven.
Het geconsolideerd tussentijds financieel verslag van Ageas voor de eerste drie maanden van 2014 is opgemaakt op basis van het going concern-beginsel. Het geconsolideerd tussentijds financieel verslag van Ageas voor de eerste drie maanden van 2014 luidt in euro's, de functionele valuta van de moedermaatschappij van Ageas.
Activa en passiva die zijn opgenomen in de balans van Ageas hebben gewoonlijk een looptijd van meer dan 12 maanden, met uitzondering van Geldmiddelen en kasequivalenten, Herverzekering en overige vorderingen, Overlopende rente en overige activa, Overlopende rente en overige verplichtingen en Actuele belastingvorderingen en -schulden.
De belangrijkste door Ageas toegepaste IFRS voor de bepaling van de activa en verplichtingen zijn:
- IAS 1 voor presentatie van de jaarrekening;
- IAS 16 voor materiële vaste activa;
- IAS 23 voor leningen;
- IAS 28 voor investeringen in geassocieerde deelnemingen;
- IAS 32 voor geschreven putopties op minderheidsbelangen;
- IAS 36 voor bijzondere waardeverminderingen van activa;
- IAS 38 voor immateriële activa;
- IAS 39 voor financiële instrumenten;
- IAS 40 voor vastgoedbeleggingen;
- IFRS 3 voor bedrijfscombinaties;
- IFRS 4 voor verzekeringscontracten;
-
IFRS 7 voor informatieverschaffing over financiële instrumenten;
-
IFRS 8 voor operationele segmenten;
- IFRS 10 voor geconsolideerde jaarrekening;
- IFRS 12 voor informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten;
- IFRS 13 voor waardering tegen reële waarde.
1.2 Wijzigingen in grondslagen voor financiële verslaggeving
De volgende nieuwe of herziene standaarden, interpretaties en wijzigingen op standaarden en interpretaties zijn met ingang van 1 januari 2014 van kracht (zoals goedgekeurd door de EU).
IFRS 10 Geconsolideerde jaarrekening
IFRS 10 Geconsolideerde jaarrekening brengt wijzigingen aan op de criteria voor consolidatie. IFRS 10 definieert zeggenschap als het blootgesteld zijn aan veranderlijke opbrengsten en het beschikken over de mogelijkheid deze opbrengsten via macht over de deelneming te beïnvloeden.
In overeenstemming met IFRS 10, neemt Ageas Tesco Insurance met ingang van 1 januari 2014 niet meer op als een volledig geconsolideerde onderneming maar als een geassocieerde deelneming. De cijfers voor 2013 zijn als gevolg hiervan aangepast. De wijziging in de consolidatiemethode heeft geen effect op het eigen vermogen en op de resultatenrekening.
IFRS 11 Gezamenlijke overeenkomsten en de gerelateerde wijzigingen
IFRS 11 Gezamenlijke overeenkomsten en wijzingen van IAS 28 Investeringen in geassocieerde deelnemingen en joint ventures elimineert de proportionele consolidatiemethode voor joint ventures. Volgens de nieuwe vereisten moeten alle joint ventures de equitymethode hanteren. Ageas hanteert reeds de equitymethode voor Beleggingen in geassocieerde deelnemingen. De implementatie van IFRS 11 had geen effect op het Eigen vermogen en/of het nettoresultaat.
IFRS 12 Informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten
IFRS 12 Informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten bevat gedetailleerde voorschriften voor het verschaffen van informatie over dochterondernemingen, geassocieerde deelnemingen, joint ventures en gestructureerde entiteiten. De informatie die Ageas verstrekt is reeds conform deze voorschriften.
Saldering financiële activa en verplichtingen (wijzigingen in IAS 32)
Naast de nieuwe voorschriften voor het verschaffen van informatie onder IFRS 7, heeft de IASB, in overeenstemming met IAS 32, besloten separaat aanvullende toepassingsrichtlijnen voor saldering op te stellen.
Deze richtlijn licht de betekenis toe van "heeft een in rechte afdwingbaar recht om te salderen" en schrijft voor dat informatie moet worden verschaft over opgenomen financiële instrumenten die onder afdwingbare 'master netting' of vergelijkbare overeenkomsten vallen, zelfs als deze niet onder IAS 32 worden gesaldeerd.
Wijzingen in IAS 36 Informatieverschaffing over Realiseerbare waarde van niet-financiële activa
De IASB heeft als gevolg van de wijziging in IFRS 13 Waardering tegen reële waarde, een aantal voorschriften voor het verschaffen van informatie in IAS 36 Bijzondere waardevermindering van activa gewijzigd. Deze wijzigingen hebben betrekking op de realiseerbare waarde van activa die een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. De wijzigingen waren het gevolg van de beslissing van de IASB in december 2010 om aanvullende informatieverschaffing voor te schrijven over de realiseerbare waarde van activa (of een groep activa) die een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan, wanneer deze realiseerbare waarde op de reële waarde verminderd met de vervreemdingskosten is gebaseerd.
Wijzigingen in IAS 39 Novatie van derivaten en voortzetting van hedge accounting
Met de wijzigingen in IAS 39 is het niet nodig hedge accounting te staken in geval van novatie van hedgingderivaten, op voorwaarde dat aan een aantal criteria wordt voldaan.
Veranderingen in EU-IFRS in 2014
Er zijn geen nieuwe standaarden die per 1 januari 2015 voor Ageas van kracht worden met een grote materiële impact op het eigen vermogen en/of het nettoresultaat.
Schattingen
De opstelling van het geconsolideerd tussentijds financieel verslag op basis van IFRS vereist een aantal schattingen aan het einde van de verslagperiode. De gehanteerde schattingen en modellen zijn in het algemeen consistent sinds de introductie van IFRS in 2005. Elke schatting brengt van nature een aanzienlijk risico op materiële aanpassingen (positief dan wel negatief) in de boekwaarde van activa en passiva in het komend boekjaar met zich mee
De belangrijkste schattingen per de verslagdatum worden in de volgende tabel weergegeven.
| 31 maart 2014 | |
|---|---|
| Activa | Onzekerheid schatting |
| Voor verkoop beschikbare activa | |
| Gestructureerde kredietinstrumenten | |
| - Niveau 2 | - Het waarderingsmodel |
| - Inactieve markten | |
| - Niveau 3 | - Het waarderingsmodel |
| - Gebruik niet-marktwaarneembare input | |
| - Inactieve markten | |
| Vastgoedbeleggingen | - Bepaling van de gebruiksduur en restwaarde |
| Leningen | - Het waarderingsmodel |
| - De looptijd | |
| - Parameters als creditspread, looptijd en de rente | |
| Geassocieerde deelnemingen | - Van de beleggingsmix, de activiteiten en de marktontwikkelingen afhankelijke combinatie van |
| onzekerheden | |
| Goodwill | - Het gehanteerde waarderingsmodel |
| - Financiële en economische variabelen | |
| - Disconteringsvoet | |
| - De aan de inherente risicopremie van de entiteit | |
| Overige immateriële vaste activa | - Bepaling van de gebruiksduur en restwaarde |
| Uitgestelde belastingvorderingen | - Interpretatie van complexe belastingwetgeving |
| - Hoogte en tijdstip van toekomstig, belastbaar inkomen |
|
| Verplichtingen | |
| Verplichtingen verzekeringscontacten | |
| - Leven | - Actuariële aannames |
| - Gehanteerde rentecurve bij toereikendheidstoets | |
| - Niet-Leven | - Voorzieningen voor (voorgevallen maar niet-gerapporteerde) schadeclaims |
| - Schadebehandelingskosten | |
| - Finale afhandeling van uitstaande schade claims | |
| Pensioenverplichtingen | - Actuariële aannames |
| - Disconteringsvoet | |
| - Inflatie/salarissen | |
| Voorzieningen | - De waarschijnlijkheid van een huidige verplichting als gevolg van gebeurtenissen in het verleden |
| - De berekening van het best geschatte bedrag | |
| Uitgestelde belastingschulden | - Interpretatie van complexe belastingwetgeving |
| Geschreven putoptie op minderheidsbelang | - Geschatte toekomstige reële waarde - Disconteringsvoet |
1.4 Segmentrapportering
Operationele segmenten
De te rapporteren segmenten van Ageas zijn gebaseerd op geografische regio's, de resultaten zijn gebaseerd op IFRS. Die onderverdeling naar regio's is ingegeven door het feit dat de activiteiten in de bewuste regio's van vergelijkbare aard zijn en dezelfde economische kenmerken delen.
De operationele segmenten zijn:
- België;
- Verenigd Koninkrijk (VK);
- Continentaal Europa;
- Azië;
- Algemene Rekening.
Daar de structuur van Ageas gebaseerd is op regio's, is Ageas tot de conclusie gekomen dat een regionale rapportering van de operationele segmenten onder IFRS het meest gepast is, te weten: België, Verenigd Koninkrijk, Continentaal Europa en Azië.
Activiteiten die geen verband houden met verzekeren worden los van de verzekeringsactiviteiten gerapporteerd in het vijfde operationele segment: Algemene Rekening. Onder de Algemene Rekening vallen tevens de investering in Royal Park Investments, de calloptie op aandelen BNP Paribas (afgewikkeld in 2013) en de verplichtingen uit hoofde van de CASHES / RPN(I) en de geschreven putoptie op het minderheidsbelang, evenals de vorderingen en juridische procedures met betrekking tot de gebeurtenissen uit het verleden.
Transacties tussen de verschillende operationele segmenten vinden plaats tegen marktconforme condities die ook beschikbaar zijn voor niet-gerelateerde derden. Eliminaties worden separaat verantwoord.
1.5 Consolidatiegrondslagen
Het geconsolideerd tussentijds financieel verslag omvat de financiële verslagen van ageas SA/NV (de 'Moedermaatschappij') en haar dochterondernemingen. Investeringen in geassocieerde deelnemingen waarin Ageas invloed van betekenis heeft zonder overwegende zeggenschap worden verantwoord volgens de 'equity'-methode.
1.6 Vreemde valuta
In de volgende tabel worden de koersen van de belangrijkste valuta voor Ageas weergegeven.
| Koers per einde periode | Gemiddelde koers | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 1 euro = | 31 maart 2014 | 31 december 2013 | Eerste drie maanden 2014 Eerste drie maanden 2013 | ||
| Britse pond | 0,83 | 0,83 | 0,83 | 0,85 | |
| Amerikaanse dollar | 1,38 | 1,38 | 1,37 | 1,32 | |
| Hong Kong dollar | 10,70 | 10,69 | 10,63 | 10,24 |
2 Overnames en desinvesteringen
De volgende significante overnames en desinvesteringen zijn gedaan in 2014 en 2013. Details over eventuele overnames en desinvesteringen na balansdatum zijn opgenomen in noot 29 Gebeurtenissen na balansdatum.
2.1 Overnames en desinvesteringen in 2014
Er zijn gedurende de eerste drie maanden van 2014 geen significante overnames en desinvesteringen gedaan.
2.2 Overnames in 2013
DTH Partners LLC
Op 26 april 2013 verkreeg AG Real Estate door middel van een vermogensbijdrage van USD 103 miljoen (EUR 79 miljoen) een deelneming van 33% in DTH Partners LLC. Dit belang is verantwoord in Beleggingen in geassocieerde deelnemingen.
De volgende overeenkomsten hebben betrekking op deze overname:
- een mezzanine-lening van AG Insurance aan DTH Partners LLC voor een bedrag van USD 117,5 miljoen;
- een overbruggingslening van USD 23 miljoen van AG Real Estate (North Star NV) aan EBNB 70 Pine Development. Dit bedrag is onderdeel van een door de aandeelhouders van DTH verstrekte totale brugfinancieringsfaciliteit van USD 50 miljoen om met Chevron een belastingteruggavestructuur voor te financieren, die vertraagd is door het goedkeuringsproces van de Amerikaanse belastingdienst.
Bij de jaarafsluiting was de overname boekhoudkundig verwerkt. Er is geen goodwill of badwill als onderdeel van de waardering verantwoord.
Overige overnames
In december 2013 vond deconsolidatie van de dochterondernemeningen North Light en Pole Star plaats als gevolg van de verkoop van 60% van aandelen in deze ondernemingen. Deze transactie heeft geleid tot een gerealiseerde opbrengst van EUR 53 miljoen, die onder Resultaat op verkoop en herwaarderingen is verantwoord in de resultatenrekening. Tegelijkertijd werden North Light en Pole Star als twee nieuwe geassocieerde deelnemingen toegevoegd aan de consolidatiekring op basis van een belang van 40% in de twee ondernemingen.
Naast de hierboven genoemde transactie heeft Ageas een aantal kleinere andere overnames in het kader van de normale vastgoed bedrijfsuitoefening in 2013 gedaan.
2.3 Desinvesteringen in 2013
In het derde kwartaal van 2013 is Louvresse Développement verkocht (activa: EUR 81 miljoen), wat leidde tot een meerwaarde van EUR 25 miljoen (opgenomen onder Resultaat op verkoop en herwaarderingen.
In december 2013 vond deconsolidatie van de dochterondernemingen North Light en Pole Star plaats als gevolg van de verkoop van 60% van aandelen in deze ondernemingen.
3 Uitstaande aandelen en winst per aandeel
Het aantal uitstaande aandelen is als volgt.
| in duizenden | Uitgegeven aandelen | Eigen aandelen | Uitstaande aandelen |
|---|---|---|---|
| Stand per 1 januari 2013 | 243.121 | - 11.290 | 231.831 |
| Intrekking van aandelen | - 9.635 | 9.635 | |
| Netto gekocht/verkocht | - 5.397 | - 5.397 | |
| Stand per 31 december 2013 | 233.486 | - 7.052 | 226.434 |
| Netto gekocht/verkocht | - 1.479 | - 1.479 | |
| Stand per 31 maart 2014 | 233.486 | - 8.531 | 224.955 |
3.1 Uitgegeven aandelen en potentieel aantal aandelen
Met inachtneming van de bepalingen die met betrekking tot ageas SA/NV zijn vastgelegd, voor zover de wet daarin voorziet, en in het belang van de Vennootschap, heeft de Raad van Bestuur van Ageas de goedkeuring van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 30 april 2014 ontvangen om gedurende een periode van drie jaar (2013-2016) het aandelenkapitaal voor algemene doeleinden met maximaal EUR 170.200.000 uit te breiden.
Uitgaande van een fractiewaarde van EUR 7,40 kan Ageas hiermee maximaal 23.000.000 aandelen uitgeven, wat neerkomt op circa 10% van het totale uitstaande aandelenkapitaal van de Vennootschap. Deze goedkeuring stelt de Vennootschap bovendien in staat om te voldoen aan de verplichtingen die zijn aangegaan in verband met de uitgifte van de financiële instrumenten. Tevens kunnen aandelen worden uitgegeven ten gevolge van de zogenaamde alternatieve coupon vereffeningsmethode (ACVM), geïntegreerd in bepaalde hybride financiële instrumenten (zie hiervoor noot 26 Voorwaardelijke verplichtingen).
Ageas heeft opties of instrumenten met kenmerken van opties uitgegeven die bij uitoefening kunnen leiden tot een toename van het aantal uitstaande aandelen.
Het aantal uitstaande aandelen en het potentieel aantal uitstaande aandelen per 31 maart 2014 is als volgt:
in duizenden
| Aantal aandelen uitgegeven per 31 maart 2014 | 233.486 |
|---|---|
| Aantal ingetrokken aandelen per Aandeelhoudersvergadering van 30 april 2014 | 2.490 |
| Aantal aandelen dat uitgegeven kan worden per Aandeelhoudersvergadering van 30 april 2014 | 23.000 |
| In verband met optieplannen | 2.043 |
| Totaal potentieel aantal aandelen per 31 maart 2014 | 261.019 |
3.1.1 Inkoopprogramma eigen aandelen 2013
Ageas maakte op 2 augustus 2013 bekend dat, op basis van de goedkeuring verleend door de aandeelhouders eind april 2013, de Raad van Bestuur besloten heeft een nieuw inkoopprogramma van eigen aandelen te starten voor EUR 200 miljoen.
Ageas is op 12 augustus 2013 gestart met het inkoopprogramma voor een periode ten laatste eindigend op 5 augustus 2014.
De teruggekochte aandelen zullen worden aangehouden als eigen aandelen tot het moment dat de beslissing om deze aandelen in te trekken formeel is goedgekeurd door de aandeelhouders. Tussen de startdatum van het inkoopprogramma en 31 maart 2014 heeft Ageas 3.969.268 aandelen teruggekocht voor een totaalbedrag van EUR 123.601.566. De Algemene vergadering van aandeelhouders van 30 april 2014 keurde de intrekking van 2.489.921 aandelen goed.
3.1.2 Inkoopprogramma van eigen aandelen 2012
Ageas heeft een inkoopprogramma voor haar eigen uitstaande, gewone aandelen gelanceerd voor een bedrag van maximaal EUR 200 miljoen, ingaand op 13 augustus 2012.
Op 24 april 2013 heeft de Algemene Vergadering van Aandeelhouders de intrekking van 9.165.454 aandelen goedgekeurd. Tijdens de buitengewone aandeelhoudersvergadering in september 2013 keurden de aandeelhouders de intrekking van de resterende 469.705 aandelen goed.
3.1.3 Kapitaalvermindering
De Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van ageas SA/NV van 16 september 2013 heeft goedkeuring gegeven aan, naast de hierboven genoemde vernietiging van ageas SA/NV aandelen, een tweede kapitaalvermindering door middel van een terugbetaling aan de aandeelhouders van EUR 1,00 per aandeel. De uitbetaling vond op 13 december 2013 plaats. Het totaalbedrag dat werd terugbetaald bedroeg EUR 222 miljoen.
3.2 Eigen aandelen Ageas
Eigen aandelen zijn gewone uitgegeven aandelen die door Ageas zijn teruggekocht. Deze aandelen worden in mindering gebracht op het eigen vermogen en opgenomen onder Overige reserves.
Het totaal aantal eigen aandelen (8,5 miljoen) bestaat uit de FRESH (4,0 miljoen), het restricted share programma (0,5 miljoen) en de resterende aandelen afkomstig uit het inkoopprogramma eigen aandelen (3,5 miljoen, zie hieronder). Nadere informatie over de FRESH is te vinden in Noot 13 Achtergestelde verplichtingen.
3.3. Dividend- en stemgerechtigde aandelen
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de dividend- en stemgerechtigde aandelen per 31 maart 2014.
| in duizenden | |
|---|---|
| Aantal aandelen uitgegeven per 31 maart 2014 | 233.486 |
| Aandelen niet gerechtigd tot dividend en stemrecht: | |
| Aandelen aangehouden door ageas SA/NV | 4.515 |
| Aandelen gerelateerd aan de FRESH (zie Noot 13) | 3.968 |
| Aandelen gerelateerd aan CASHES (zie Noot 26) | 4.644 |
| Aandelen gerechtigd tot dividend en stemrecht | 220.358 |
BNP Paribas Fortis SA/NV (voorheen Fortis Bank) heeft in 2007 een financieel instrument met de naam CASHES uitgegeven. Een van de kenmerken van dit instrument is dat de CASHES alleen kunnen worden afgelost door conversie naar 12,5 miljoen aandelen Ageas.
BNP Paribas Fortis SA/NV heeft alle noodzakelijke aandelen Ageas verworven om de CASHES te kunnen aflossen (waardoor die aandelen ook deel uitmaken van het aantal uitstaande aandelen Ageas). De aandelen met betrekking tot de CASHES die BNP Paribas Fortis SA/NV heeft zijn niet stem- of dividendgerechtigd (zie noot 13 Achtergestelde schulden en noot 26 Voorwaardelijke verplichtingen)
In 2012 deed BNP een (deels succesvol) bod in contanten op de CASHES. Op 6 februari 2012 converteerde BNP Paribas 7.553 ingekochte aandelen van de 12.000 uitstaande CASHES (62,9%) in 7,9 miljoen aandelen Ageas. Op dit moment hebben 4,6 miljoen aandelen Ageas betrekking op de CASHES.
3.4 Rendement op eigen vermogen
Ageas berekent het Rendement op het eigen vermogen op basis van het nettoresultaat op jaarbasis over de laatste 12 maanden en het gemiddeld nettovermogen aan het begin en het einde van het jaar. Het Rendement op het eigen vermogen voor de eerste drie maanden van 2014 en 2013 is als volgt:
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Rendement op eigen vermogen Ageas groep | 1,4% | 12,0% |
| Rendement op eigen vermogen Verzekeringen | 7,4% | 7,7% |
3.5 Winst per aandeel
In de volgende tabel worden de uitgangspunten weergegeven voor de bepaling van de winst per aandeel.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Netto resultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders | 30,1 | 293,0 |
| Verkrijgingsprijs 'restricted shares' | 0,7 | 0,3 |
| Netto resultaat gebruikt om het verwaterd resultaat per aandeel te bepalen | 30,8 | 293,3 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen voor gewoon resultaat per aandeel (in duizenden) | 225.765 | 230.097 |
| Aanpassingen voor: | ||
| - aandelen onder voorwaarden (in duizenden) | 512 | 288 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen voor verwaterd resultaat per aandeel (in duizenden) | 226.277 | 230.385 |
| Gewoon resultaat per aandeel (in euro's per aandeel) | 0,13 | 1,27 |
| Verwaterd resultaat per aandeel (in euro's per aandeel) | 0,13 | 1,27 |
In de eerste drie maanden van 2014 zijn opties op een gewogen gemiddelde van 2.064.018 aandelen (eerste drie maanden van 2013: 2.410.735) met een gewogen gemiddelde uitoefenprijs van EUR 20,75 per aandeel (eerste drie maanden van 2013 : EUR 19,85) buiten beschouwing gelaten bij de berekening van de verwaterde winst per aandeel, omdat de uitoefenprijs van de opties hoger was dan de gemiddelde beurskoers van de aandelen.
Gedurende 2014 en 2013 zijn 4,0 miljoen aandelen Ageas uit converteerbare effecten met betrekking tot de FRESH buiten beschouwing gelaten omdat de bespaarde rente hoger lag dan de gewone winst per aandeel.
De aandelen die uit hoofde van de CASHES zijn uitgegeven, totaal 4,64 miljoen (31 december 2013 totaal 4,64 miljoen), behoren tot de gewone aandelen (zie ook noot 26 Voorwaardelijke verplichtingen). Deze aandelen hebben geen recht op dividend en hebben ook geen stemrechten.
4 Toezicht en solvabiliteit
Op geconsolideerd niveau wordt het toezicht op Ageas uitgeoefend door de Nationale Bank van België (NBB). Op dochterondernemingen wordt toezicht uitgeoefend door de toezichthouders in de landen waar de dochterondernemingen zijn gevestigd, op basis van de eigen solvabiliteitsmaatstaven en de lokale grondslagen voor de financiële verslaggeving.
Op basis van de toepasselijke wet- en regelgeving voor verzekeringsmaatschappijen in België rapporteert Ageas op kwartaalbasis aan de NBB over het beschikbaar wettelijk kapitaal en de vereiste solvabiliteit. Uit hoofde van het prudentieel toezicht wordt op kwartaalbasis geverifieerd of Ageas op geconsolideerde basis nog aan de solvabiliteitseisen voldoet.
De aansluiting van het eigen vermogen en het beschikbaar wettelijk vereist kapitaal en de daarmee samenhangende solvabiliteitsratio's is als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Aandelenkapitaal en reserves | 7.244,9 | 6.659,6 |
| Netto resultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders | 30,1 | 569,5 |
| Ongerealiseerde winsten en verliezen | 1.721,2 | 1.296,0 |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 8.996,2 | 8.525,1 |
| Minderheidsbelangen | 824,7 | 804,9 |
| Totaal eigen vermogen | 9.820,9 | 9.330,0 |
| Achtergestelde instrumenten | 1.970,9 | 1.971,0 |
| Prudentiële filters | ||
| Lokaal vereiste egalisatiereserve voor catastrofen | - 231,2 | - 241,3 |
| Pensioen aanpassing | - 0,1 | - 18,0 |
| Herwaarding van vastgoed, na belastingen (tegen 90%) | 765,1 | 764,1 |
| Aanpassing waardering van voor verkoop beschikbare beleggingen | - 2.189,1 | - 1.706,1 |
| Kasstroomafdekking | 13,9 | 36,2 |
| Goodwill | - 859,2 | - 857,6 |
| Overige immateriële vaste activa | - 341,1 | - 347,6 |
| Voorgesteld dividend | - 308,0 | - 308,0 |
| Toetsingsvermogen toezichthouder | 8.642,1 | 8.622,6 |
| Solvabiliteitsratio's | ||
| Solvabiliteitsvereisten | 4.060,4 | 4.026,2 |
| Solvabiliteitsoverschot | 4.581,7 | 4.596,4 |
| Solvabiliteitsratio | 212,8% | 214,2% |
4.2 Kapitaalbeheer Ageas
Ageas beschouwt een sterke kapitaalbasis in de afzonderlijke verzekeringsactiviteiten als noodzakelijk, enerzijds als concurrentievoordeel en anderzijds om de geplande groei te financieren.
De Algemene Rekening omvat de groepsfuncties, de financieringstransacties en de nog lopende zaken uit het verleden. Voor de Algemene Rekening gebruikt Ageas het begrip nettokaspositie als indicator van het vrij beschikbare kapitaal zolang dat minder is dan het beschikbare kapitaal op groepsniveau.
Ageas streeft naar een totale solvabiliteitsratio van minimaal 200% van het wettelijk vereiste minimum op het niveau van het totale verzekeringsbedrijf. Ageas zal deze doelstelling ten laatste bij de introductie van Solvency II opnieuw evalueren.
Vermogenspositie Verzekeringen
Op 31 maart 2014 bedroeg het totaal vermogen van het Verzekeringsbedrijf EUR 8,5 miljard (31 december 2013: EUR 8,3 miljard): 209,1% van het wettelijk vereist minimum (31 december 2013: 207,1%).
| Continentaal | Consolidatie | Totaal | Algemeen | Totaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 maart 2014 | België | VK | Europa | Azië | correcties | Verzekeringen | (incl. elim) | Ageas |
| Totaal beschikbaar vermogen | 4.589,7 | 917,9 | 1.597,0 | 1.382,8 | 2,6 | 8.490,0 | 152,1 | 8.642,1 |
| Minimale solvabiliteitsvereisten | 2.465,0 | 415,5 | 574,0 | 605,9 | 4.060,4 | 4.060,4 | ||
| Totaal kapitaal boven | ||||||||
| minimum solvabiliteitsvereisten | 2.124,7 | 502,4 | 1.023,0 | 776,9 | 2,6 | 4.429,6 | 152,1 | 4.581,7 |
| Totaal vermogen solvabiliteitsratio | 186,2% | 220,9% | 278,2% | 228,2% | 209,1% | 212,8% | ||
| XXX | ||||||||
| Continentaal | Consolidatie | Totaal | Algemeen | Totaal | ||||
| 31 december 2013 | België | VK | Europa | Azië | correcties | Verzekeringen | (incl. elim) | Ageas |
| Totaal beschikbaar vermogen | 4.493,0 | 901,5 | 1.552,6 | 1.330,2 | 59,6 | 8.336,9 | 285,7 | 8.622,6 |
| Minimale solvabiliteitsvereisten | 2.450,7 | 400,8 | 572,0 | 602,7 | 4.026,2 | 4.026,2 | ||
| Totaal kapitaal boven | ||||||||
| minimum solvabiliteitsvereisten | 2.042,3 | 500,7 | 980,6 | 727,5 | 59,6 | 4.310,7 | 285,7 | 4.596,4 |
| Totaal vermogen solvabiliteitsratio | 183,3% | 224,9% | 271,4% | 220,7% | 207,1% | 214,2% |
Bij het bepalen van de solvabiliteitsratio per 31 maart is rekening gehouden met de dividenden die geaccordeerd zijn door de respectievelijk Besturen voorafgaand aan de datering van de jaarrekening.
De grafische weergave van de solvabiliteitspositie per Verzekeringssegment en voor Verzekeringen als geheel is als volgt.
Nettokaspositie Algemene Rekening
Op basis van de wet- en regelgeving van de NBB, bedroeg het beschikbaar wettelijk kapitaal van de Algemene Rekening (inclusief eliminaties) op 31 maart 2014 EUR 0,2 miljard (31 december 2013: EUR 0,3 miljard).
Voor een holding is niet alleen het beschikbaar wettelijk kapitaal relevant maar ook de financiële flexibiliteit om dit kapitaal te gebruiken. Om die reden bewaakt Ageas ook de nettokaspositie van de Algemene Rekening.
De nettokaspositie bestaat uit de beschikbare Geldmiddelen en kasequivalenten en kortetermijninvesteringen die binnen afzienbare tijd en tegen beperkte kosten kunnen worden geliquideerd, op dit moment voornamelijk bankdeposito's onder aftrek van schuldpapier dat komt te vervallen.
De nettokaspositie bedroeg op 31 maart 2014 EUR 1,8 miljard en is in vergelijking met eind 2013 vooral negatief beїnvloed door:
- de Algemene Rekening heeft EUR 47 miljoen betaald in het kader van de inkoopprogramma's van eigen aandelen;
- de Algemene Rekening heeft EUR 35 miljoen betaald voor de aflossing van schuldbewijzen;
- een investering ter hoogte van EUR 60 miljoen in obligaties met een looptijd van meer dan een jaar.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 1.173,7 | 781,3 |
| Vorderingen op banken | 330,0 | 900,0 |
| Vorderingen op banken (kortlopend) | 40,0 | - 0,2 |
| Schatkistcertificaten | 270,0 | 300,0 |
| Schuldbewijzen | - 33,3 | - 68,4 |
| Netto kaspositie | 1.780,4 | 1.912,7 |
5 Verbonden partijen
In april 2013 sloot Ageas een transactie inzake de verkrijging van een deelneming van 33% in DTH Partners LLC. DTH Partners LLC stond in relatie tot Ronny Brückner, die tot zijn overlijden in augustus 2013 lid van de Raad van Bestuur van Ageas was.
In 2013 vond een transactie plaats tussen ageas SA/NV en een van zijn onafhankelijke bestuursleden, de heer Guy de Selliers de Moranville. De transactie heeft betrekking op de huur door ageas SA/NV van vastgoed dat eigendom is van de heer Guy de Selliers de Moranville. Dit vastgoed wordt beschouwd als een geschikte ontmoetingsplaats om belangrijke gasten van de Raad van Bestuur en het Executive Management te ontvangen en wordt verhuurd tegen een jaarlijkse huur van EUR 50.000.
Volgens IFRS richtlijnen worden transacties en verbintenissen als deze beschouwd als een transactie met verbonden partijen en dienen om die reden als zodanig hier te worden opgenomen.
Het management beschouwt deze transacties met DTH Partners en de heer Guy de Selliers de Moranville als marktconform, hoewel de omstandigheden uniek zijn.
Toelichting op de geconsolideerde balans
6 Geldmiddelen en kasequivalenten
In Geldmiddelen en kasequivalenten zijn direct beschikbare kasgelden en andere financiële instrumenten met een looptijd van minder dan drie maanden begrepen, na de datum van verkrijging.
De Geldmiddelen en kasequivalenten per 31 maart bestaan uit.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Geldmiddelen | 2,2 | 2,6 |
| Vorderingen op banken | 2.632,0 | 1.883,1 |
| Overige | 305,5 | 270,9 |
| Totaal geldmiddelen en kasequivalenten | 2.939,7 | 2.156,6 |
7 Financiële beleggingen
De samenstelling van de Financiële beleggingen is als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Financiële beleggingen | ||
| - Tot einde looptijd aangehouden |
4.990,4 | 4.986,2 |
| - Voor verkoop beschikbaar |
58.246,9 | 56.564,6 |
| - Tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening |
303,9 | 296,6 |
| - Afgeleide financiële instrumenten aangehouden voor handelsdoeleinden (activa) |
20,0 | 14,4 |
| Totaal bruto | 63.561,2 | 61.861,8 |
| Bijzondere waardeverminderingen: | ||
| - op tot einde looptijd aangehouden beleggingen |
- 11,8 | - 11,8 |
| - op voor verkoop beschikbare beleggingen |
- 171,9 | - 182,3 |
| Totaal bijzondere waardeverminderingen | - 183,7 | - 194,1 |
| Totaal | 63.377,5 | 61.667,7 |
7.1 Beleggingen tot einde looptijd aangehouden
| Overheids-obligaties | Bedrijfs-obligaties | Totaal | |
|---|---|---|---|
| Totaal beleggingen tot einde looptijd aangehouden op 1 januari 2013 | 4.884,4 | 169,7 | 5.054,1 |
| Einde looptijd | - 65,9 | - 29,5 | 95,4 |
| Amortisatie | 18,4 | 9,1 | 27,5 |
| Bijzondere waardevermingeringen | - 11,8 | - 11,8 | |
| Totaal beleggingen tot einde looptijd aangehouden op 31 december 2013 | 4.836,9 | 137,5 | 4.974,4 |
| Einde looptijd | - 3,0 | - 3,0 | |
| Amortisatie | 5,1 | 2,1 | 7,2 |
| Totaal beleggingen tot einde looptijd aangehouden op 31 maart 2014 | 4.842,0 | 136,6 | 4.978,6 |
| Bruto waarde exclusief bijzondere | |||
| waardeverminderingen op 31 december 2013 | 4.836,9 | 149,3 | 4.986,2 |
| Bruto waarde exclusief bijzondere | |||
| waardeverminderingen op 31 maart 2014 | 4.842,0 | 148,4 | 4.990,4 |
| Reële waarde op 31 december 2013 | 5.720,9 | 144,5 | 5.865,4 |
| Reële waarde op 31 maart 2014 | 6.033,4 | 136,6 | 6.170,0 |
De als Tot einde looptijd aangehouden aangemerkte overheidsobligaties naar land van uitgifte per 31 maart zijn als volgt.
| Historische/geamortiseerde | ||
|---|---|---|
| 31 maart 2014 | kostprijs | Reële waarden |
| Belgische overheid | 4.361,2 | 5.417,5 |
| Portugese overheid | 480,8 | 615,9 |
| Totaal | 4.842,0 | 6.033,4 |
| Historische/geamortiseerde | ||
| 31 december 2013 | kostprijs | Reële waarden |
| Belgische overheid | 4.361,9 | 5.159,4 |
| Portugese overheid | 475,0 | 561,5 |
| Totaal | 4.836,9 | 5.720,9 |
De reële waarde van tot einde looptijd aangehouden beleggingen (overheidsobligaties) is gewaardeerd op basis van genoteerde prijzen in actieve markten (niveau 1), en op basis van niet-waarneembare gegevens (prijzen van tegenpartijen) (bedrijfsobligaties) (niveau 3).
7.2 Voor verkoop beschikbare beleggingen
De reële waarde en geamortiseerde kostprijs alsmede de hieraan gerelateerde Ongerealiseerde winsten en verliezen en bijzondere waardeverminderingen op de Voor verkoop beschikbare beleggingen is als volgt.
| Historische/ | Bruto | Bruto | Bijzondere | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| geamortiseerde | ongerealiseerde | ongerealiseerde | Totaal | waarde- | Reële | |
| 31 maart 2014 | kostprijs | winsten | verliezen | bruto | verminderingen | waarden |
| Kortlopend overheidspapier | 479,9 | - 0,1 | 479,8 | 479,8 | ||
| Overheidsobligaties | 26.658,0 | 3.326,5 | - 0,7 | 29.983,8 | 29.983,8 | |
| Bedrijfsobligaties | 22.475,8 | 1.578,0 | - 67,6 | 23.986,2 | - 0,1 | 23.986,1 |
| Gestructureerde kredietinstrumenten | 313,5 | 15,1 | - 3,0 | 325,6 | - 2,3 | 323,3 |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen in obligaties | 49.927,2 | 4.919,6 | - 71,4 | 54.775,4 | - 2,4 | 54.773,0 |
| Private equity en durfkapitaal | 56,6 | 7,8 | - 5,9 | 58,5 | 58,5 | |
| Aandelen | 2.894,5 | 528,3 | - 14,7 | 3.408,1 | - 169,5 | 3.238,6 |
| Overige beleggingen | 4,9 | 4,9 | 4,9 | |||
| Voor verkoop beschikbare beleggingen | ||||||
| in aandelen en overige beleggingen | 2.956,0 | 536,1 | - 20,6 | 3.471,5 | - 169,5 | 3.302,0 |
| Totaal voor verkoop beschikbare beleggingen | 52.883,2 | 5.455,7 | - 92,0 | 58.246,9 | - 171,9 | 58.075,0 |
| Historische/ | Bruto | Bruto | Bijzondere | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| geamortiseerde | ongerealiseerde | ongerealiseerde | Totaal | waarde- | Reële | |
| 31 december 2013 | kostprijs | winsten | verliezen | bruto | verminderingen | waarden |
| Overheidsobligaties | 27.143,5 | 2.345,9 | - 39,7 | 29.449,7 | 29.449,7 | |
| Bedrijfsobligaties | 22.285,7 | 1.304,2 | - 126,6 | 23.463,3 | - 0,1 | 23.463,2 |
| Gestructureerde kredietinstrumenten | 289,5 | 13,5 | - 3,0 | 300,0 | - 2,3 | 297,7 |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen in obligaties | 49.718,7 | 3.663,6 | - 169,3 | 53.213,0 | - 2,4 | 53.210,6 |
| Private equity en durfkapitaal | 50,6 | 0,3 | 50,9 | 50,9 | ||
| Aandelen | 2.822,4 | 497,8 | - 24,8 | 3.295,4 | - 179,9 | 3.115,5 |
| Overige beleggingen | 5,3 | 5,3 | 5,3 | |||
| Voor verkoop beschikbare beleggingen | ||||||
| in aandelen en overige beleggingen | 2.878,3 | 498,1 | - 24,8 | 3.351,6 | - 179,9 | 3.171,7 |
| Totaal voor verkoop beschikbare beleggingen | 52.597,0 | 4.161,7 | - 194,1 | 56.564,6 | - 182,3 | 56.382,3 |
Een bedrag van EUR 1.513,3 miljoen van de voor verkoop beschikbare beleggingen is in onderpand gegeven als zekerheid (2013: EUR 1.180,7 miljoen).
De portefeuille inzake de Investeringen aangehouden voor verkoop per 31 maart kan als volgt grafisch weergegeven worden.
De waardering van Voor verkoop beschikbare beleggingen is gebaseerd op:
- niveau 1: genoteerde prijzen in actieve markten;
- niveau 2: waarneembare gegevens uit actieve markten;
- niveau 3: niet-waarneembare gegevens (prijzen van tegenpartijen).
De waarderingen zijn als volgt.
| 31 maart 2014 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Kortlopend overheidspapier | 479,8 | 479,8 | ||
| Overheidsobligaties | 29.983,8 | 29.983,8 | ||
| Bedrijfsobligaties | 23.284,8 | 701,3 | 23.986,1 | |
| Gestructureerde kredietinstrumenten | 199,1 | 46,9 | 77,3 | 323,3 |
| Aandelen, private equity en overige beleggingen | 2.359,9 | 795,8 | 146,3 | 3.302,0 |
| Totaal beleggingen | 56.307,4 | 1.544,0 | 223,6 | 58.075,0 |
| 31 december 2013 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Overheidsobligaties | 29.449,7 | 29.449,7 | ||
| Bedrijfsobligaties | 22.748,9 | 713,1 | 1,2 | 23.463,2 |
| Gestructureerde kredietinstrumenten | 156,2 | 44,5 | 97,0 | 297,7 |
| Aandelen, private equity en overige beleggingen | 2.264,9 | 767,8 | 139,0 | 3.171,7 |
| Totaal beleggingen | 54.619,7 | 1.525,4 | 237,2 | 56.382,3 |
De veranderingen in niveau 3 waarderingen zijn als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Stand per 1 januari | 237,2 | 108,5 |
| Einde looptijd/aflossing of terugbetaling over de periode | - 20,5 | |
| Aankoop | 7,2 | 87,0 |
| Opbrengst van verkopen | - 0,1 | - 22,2 |
| Bijzondere waardevermindering | - 0,5 | |
| Ongerealiseerde winsten (verliezen) | - 0,2 | 2,6 |
| Overdracht tussen categorieën | 61,8 | |
| Stand per einde periode | 223,6 | 237,2 |
Overheidsobligaties naar land van uitgifte
De overheidsobligaties naar land van uitgifte per 31 maart zijn als volgt.
| Historische/geamortiseerde | Bruto ongerealiseerde | Reële | |
|---|---|---|---|
| 31 maart 2014 | kostprijs | winsten (verliezen) | waarden |
| Belgische overheid | 12.596,7 | 1.579,9 | 14.176,6 |
| Nederlandse overheid | 659,7 | 51,9 | 711,6 |
| Duitse overheid | 929,9 | 214,6 | 1.144,5 |
| Italiaanse overheid | 1.478,3 | 172,7 | 1.651,0 |
| Franse overheid | 4.686,1 | 560,4 | 5.246,5 |
| Britse overheid | 496,2 | 12,1 | 508,3 |
| Spaanse overheid | 338,7 | 35,8 | 374,5 |
| Portugese overheid | 1.221,1 | 107,7 | 1.328,8 |
| Oostenrijkse overheid | 2.271,1 | 310,2 | 2.581,3 |
| Finse overheid | 203,6 | 23,3 | 226,9 |
| Ierse overheid | 552,2 | 67,7 | 619,9 |
| Sloveense overheid | 1,9 | 0,1 | 2,0 |
| Tsjechische overheid | 243,3 | 31,1 | 274,4 |
| Slowaakse overheid | 309,9 | 36,5 | 346,4 |
| Verenigde Staten van Amerika: overheid | 270,4 | 42,3 | 312,7 |
| Overige overheden | 398,9 | 79,5 | 478,4 |
| Totaal | 26.658,0 | 3.325,8 | 29.983,8 |
| Historische/geamortiseerde | Bruto ongerealiseerde | Reële | |
|---|---|---|---|
| 31 december 2013 | kostprijs | winsten (verliezen) | waarden |
| Belgische overheid | 12.813,9 | 1.175,9 | 13.989,8 |
| Nederlandse overheid | 682,4 | 40,8 | 723,2 |
| Duitse overheid | 965,6 | 174,9 | 1.140,5 |
| Italiaanse overheid | 1.473,8 | 67,4 | 1.541,2 |
| Franse overheid | 4.751,1 | 369,7 | 5.120,8 |
| Britse overheid | 472,6 | 9,8 | 482,4 |
| Spaanse overheid | 357,3 | 11,9 | 369,2 |
| Portugese overheid | 1.041,4 | - 6,6 | 1.034,8 |
| Oostenrijkse overheid | 2.328,2 | 232,6 | 2.560,8 |
| Finse overheid | 201,1 | 18,7 | 219,8 |
| Ierse overheid | 552,3 | 51,7 | 604,0 |
| Sloveense overheid | 49,1 | 0,9 | 50,0 |
| Tsjechische overheid | 243,4 | 29,7 | 273,1 |
| Slowaakse overheid | 333,4 | 34,0 | 367,4 |
| Verenigde Staten van Amerika: overheid | 276,5 | 28,0 | 304,5 |
| Overige overheden | 601,4 | 66,8 | 668,2 |
| Totaal | 27.143,5 | 2.306,2 | 29.449,7 |
Er waren geen bijzondere waardeverminderingen op overheidsobligaties in de eerste drie maanden van 2014 en in het hele jaar 2013.
Het aandeel per land in de beleggingsportefeuille overheidsobligaties op basis van reële waarde kan als volgt worden weergegeven.
De volgende tabel geeft de netto ongerealiseerde winsten en verliezen op Voor verkoop beschikbare beleggingen opgenomen in het eigen vermogen (inclusief obligaties, aandelen en overige beleggingen) weer. Beleggingen in aandelen en overige beleggingen zijn inclusief private equity en durfkapitaal.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare beleggingen in obligaties: | ||
| Boekwaarde | 54.773,0 | 53.210,6 |
| Bruto ongerealiseerde winsten en verliezen | 4.848,2 | 3.494,3 |
| - Belasting |
- 1.585,0 | - 1.159,0 |
| Shadow accounting | - 1.459,3 | - 808,6 |
| - Belasting |
444,5 | 247,6 |
| Netto ongerealiseerde winsten en verliezen | 2.248,4 | 1.774,3 |
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen in aandelen en overige beleggingen: | ||
| Boekwaarde | 3.302,0 | 3.171,7 |
| Bruto ongerealiseerde winsten en verliezen | 515,5 | 473,3 |
| - Belasting |
- 66,8 | - 65,5 |
| Shadow accounting | - 124,6 | - 100,5 |
| - Belasting |
41,0 | 32,6 |
| Netto ongerealiseerde winsten en verliezen | 365,1 | 339,9 |
Bijzondere waardeverminderingen op Voor verkoop beschikbare beleggingen
De volgende tabel toont de bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare beleggingen.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare beleggingen: | ||
| - op obligaties |
- 2,4 | - 2,4 |
| - op aandelen en overige beleggingen |
- 169,5 | - 179,9 |
| Totaal bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare beleggingen | - 171,9 | - 182,3 |
De wijzigingen in de bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare beleggingen zijn.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Stand per 1 januari | 182,3 | 190,5 |
| Toename bijzondere waardeverminderingen | 2,8 | 22,7 |
| Terugname bij de verkoop/desinvestering | - 13,2 | - 26,9 |
| Omrekeningsverschillen en overige aanpassingen | - 4,0 | |
| Stand per einde periode | 171,9 | 182,3 |
7.3 Beleggingen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening
Een nadere toelichting op de Beleggingen die tegen reële waarde worden gehouden, met verwerking van ongerealiseerde waardeveranderingen in de resultatenrekening per 31 maart is als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Bedrijfsobligaties | 200,7 | 214,4 |
| Gestructureerde kredietinstrumenten | 50,3 | 50,3 |
| Obligaties | 251,0 | 264,7 |
| Aandelen | 52,9 | 31,9 |
| Aandelen en overige beleggingen | 52,9 | 31,9 |
| Totaal beleggingen tegen reële waarde met waardeveranderingen | ||
| in de resultatenrekening | 303,9 | 296,6 |
Beleggingen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening betreffen voornamelijk beleggingen in verband met de verzekeringsverplichtingen waarvan de kasstromen contractueel of uit hoofde van discretionaire winstdeling zijn gekoppeld aan de resultaatontwikkeling van deze activa en waar in de meting daarvan mede rekening wordt gehouden met actuele informatie. Hierdoor wordt de kans aanzienlijk verkleind dat er in de verslaglegging een 'mismatch' optreedt door het op verschillende grondslagen berekenen van activa en verplichtingen en de daarmee samenhangende winsten en verliezen.
De geamortiseerde kostprijs van schuldeffecten tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening bedroeg op 31 maart 2014 EUR 250,8 miljoen (31 december 2013: EUR 263,4 miljoen).
De waardering van beleggingen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening is gebaseerd op:
- niveau 1: genoteerde prijzen in actieve markten;
- niveau 2: waarneembare gegevens uit actieve markten;
- niveau 3: niet-waarneembare gegevens (prijzen van tegenpartijen).
De waarderingen zijn als volgt.
| 31 maart 2014 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Bedrijfsobligaties | 20,2 | 180,5 | 200,7 | |
| Gestructureerde kredietinstrumenten | 50,3 | 50,3 | ||
| Aandelen | 52,9 | 52,9 | ||
| Totaal beleggingen aangehouden tegen reële waarde | ||||
| met waardeveranderingen in de resultatenrekening | 20,2 | 233,4 | 50,3 | 303,9 |
| XXX | ||||
| 31 december 2013 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Bedrijfsobligaties | 31,7 | 182,7 | 214,4 | |
| Gestructureerde kredietinstrumenten | 50,3 | 50,3 | ||
| Aandelen | 31,9 | 31,9 | ||
| Totaal beleggingen aangehouden tegen reële waarde | ||||
| met waardeveranderingen in de resultatenrekening | 31,7 | 214,6 | 50,3 | 296,6 |
De veranderingen in niveau 3 waarderingen zijn als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Stand per 1 januari | 50,3 | 49,0 |
| Ongerealiseerde winsten (verliezen) | 1,3 | |
| Stand per einde periode | 50,3 | 50,3 |
De positie op niveau 3 is met name gevoelig voor veranderingen in het algehele niveau van de creditspreads. Als het niveau van de creditspreads met 1 basispunt stijgt, dan daalt de marktwaarde van deze posities naar schatting met 3 basispunten. Dit vertaalt zich naar een waardeverlies van circa EUR 0,2 miljoen.
7.4 Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten (activa)
De samenstelling van de voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten (activa) is als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Niet op een beurs verhandeld (OTC) | 19,9 | 14,4 |
| Op een beurs verhandeld | 0,1 | |
| Totaal afgeleide financiële instrumenten | 20,0 | 14,4 |
De Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten hebben voornamelijk betrekking op rente- en aandelenopties en renteswaps en zijn in 2014 en 2013 gewaardeerd op niveau 2 (waarneembare marktgegevens in actieve markten) (zie noot 27 Derivaten voor nadere informatie).
7.5 Vastgoed
De onderstaande tabel toont de reële waarde van het vastgoed, zowel aangehouden als beleggingen als voor eigen gebruik.
| Reële waarde: | 31 maart 2014 | 31 december 2013 |
|---|---|---|
| Vastgoedbeleggingen | 3.333,3 | 3.330,5 |
| Terreinen en gebouwen voor eigen gebruik | 1.300,5 | 1.306,9 |
| Totaal reële waarde | 4.633,8 | 4.637,4 |
| Boekwaarde: | ||
| Vastgoedbeleggingen | 2.345,0 | 2.354,5 |
| Terreinen en gebouwen voor eigen gebruik | 971,3 | 967,4 |
| Totale boekwaarde | 3.316,3 | 3.321,9 |
| Bruto ongerealiseerde winsten en verliezen | 1.317,5 | 1.315,5 |
| Belastingen | - 430,9 | - 430,2 |
| Netto ongerealiseerd(e) winst/verlies (niet opgenomen in eigen vermogen) | 886,6 | 885,3 |
8 Leningen
De Leningen zijn als volgt samengesteld.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Overheid en officiële instellingen | 2.081,6 | 1.875,2 |
| Hypothecaire leningen | 1.532,7 | 1.547,4 |
| Leningen aan ondernemingen | 563,1 | 547,2 |
| Rentedragende deposito's | 377,1 | 957,9 |
| Leningen aan banken | 670,4 | 624,1 |
| Polisbeleningen | 218,3 | 210,9 |
| Bedrijfsleningen | 41,0 | 41,4 |
| Totaal | 5.484,2 | 5.804,1 |
| Verminderd met bijzondere waardeverminderingen | - 21,0 | - 19,7 |
| Totaal leningen | 5.463,2 | 5.784,4 |
8.1 Leningen aan ondernemingen
De Leningen aan ondernemingen zijn als volgt samengesteld.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Leningen aan particulieren | 9,8 | 9,3 |
| Vastgoed | 198,2 | 199,8 |
| Infrastructuur | 113,7 | 101,6 |
| Overige | 241,4 | 236,5 |
| Leningen aan ondernemingen | 563,1 | 547,2 |
De regel Vastgoed onder Leningen aan ondernemingen heeft betrekking op de Mezzanine-lening van USD 117,5 miljoen aan DTH Partners LLC (zie ook noot 5 en 9). De overbruggingslening (USD 23 miljoen) van AG Real Estate (North Star N.V.) aan EBNB 70 Pine Development is opgenomen in de regel Overige onder Leningen aan ondernemingen.
Ageas heeft kredietlijnen verstrekt voor een totaalbedrag van EUR 276 miljoen (31 december 2013: EUR 321 miljoen). Zie ook noot 28 Toezeggingen.
8.2 Leningen aan banken
De leningen aan banken bestaan uit.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Leningen en voorschotten | 498,4 | 457,0 |
| Overige | 172,0 | 167,1 |
| Totaal | 670,4 | 624,1 |
9 Beleggingen in geassocieerde deelnemingen
De belangrijkste beleggingen in geassocieerde deelnemingen bestaan uit ons aandeel in onze deelnemingen in Tai Ping Life Insurance, Mayban Ageas, Muang Thai Group, Cardiff Lux Vie, Aksigorta, DTH Partners LCC (zie noot 2 en 5), RPI en Tesco Insurance.
RPI
De nettowinst van RPI bedroeg in de eerste drie maanden van 2014 EUR 0 miljoen in vergelijking met EUR 233 miljoen in de eerste drie maanden van 2013. De winst in 2013 was toe te schrijven aan de verkoop van de beleggingsportefeuille van RPI.
Na de verkoop van de activa en de afwikkeling van de verplichtingen, blijft de activiteit van RPI voornamelijk beperkt tot de afwikkeling van rechtszaken inzake een aantal Amerikaanse activa.
Tesco Insurance
In overeenstemming met IFRS 10, neemt Ageas Tesco Insurance met ingang van 1 januari 2014 niet meer op als een volledig geconsolideerde onderneming maar als een geassocieerde deelneming, de cijfers voor 2013 zijn als gevolg hiervan aangepast.
Het resultaat van Tesco Insurance voor de eerste drie maanden van 2014 bedroeg EUR 5 miljoen negatief (31 maart 2013: EUR 1,5 miljoen).
De impact van de wijziging van de consolidatiemethode voor Tesco Insurance op de balans per jaareinde 2013 is als volgt:
Activa
De totale activa daalden met EUR 953 miljoen van EUR 95.735 miljoen naar EUR 94.783 miljoen. Deze daling wordt hoofdzakelijk verklaard door de volgende veranderingen:
- De financiële beleggingen daalden met EUR 889 miljoen naar EUR 61.668 miljoen.
- De beleggingen in geassocieerde deelnemingen stegen met EUR 92 miljoen tengevolge van de consolidatie van Tesco Insurance;
- Herverzekering en overige vorderingen daalden met EUR 67 miljoen.
Verplichtingen
De totale verplichtingen daalden met EUR 861 miljoen van EUR 86.314 miljoen naar EUR 85.453 miljoen. Deze daling wordt hoofdzakelijk verklaard door de volgende veranderingen:
- Verplichtingen uit Niet-Leven verzekeringscontracten daalden met EUR 798 miljoen naar EUR 6.797 miljoen;
- De achtergestelde schulden daalden met EUR 41 miljoen naar EUR 1.971 miljoen;
- Overlopende rente en overige verplichtingen daalden met EUR 22 miljoen naar EUR 2.162 miljoen.
Eigen vermogen
Hoewel het eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders niet is gewijzigd, daalde het totale eigen vermogen met EUR 92 miljoen naar EUR 9.330 miljoen. Deze daling wordt verklaard door het feit dat het minderheidsbelang in Tesco Insurance niet meer wordt geconsolideerd.
Resultatenrekening
De wijziging van de consolidatiemethode voor Tesco Insurance had geen effect op het nettoresultaat toewijsbaar aan aandeelhouders in de resultatenrekening voor de eerste drie maanden van 2013 doordat het resultaat van Tesco Insurance gelijk bleef. De impact heeft vooral betrekking op de volgende lijnen van de resultatenrekening:
- De netto verdiende premies daalden met EUR 157 miljoen naar EUR 2.048 miljoen;
- Schadelasten en uitkeringen daalden met EUR 122 miljoen;
- Het aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen steeg met EUR 1,5 miljoen naar EUR 272 miljoen.
10 Calloptie op BNP Paribas aandelen
Op basis van de op 12 mei 2009 getekende overeenkomst kreeg Ageas een in contanten af te wikkelen calloptie toegekend door de Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij (FPIM) waardoor Ageas de mogelijkheid heeft te profiteren van een waardestijging van de waarde van 121.218.054 aandelen van BNP Paribas gehouden door de FPIM. Deze aandelen werden verkregen door de FPIM in ruil voor de verkoop van 75% + 1 aandeel van Fortis Bank. De optie geeft Ageas het recht op het verschil tussen de uitoefenprijs van EUR 66,672 en de marktprijs van de aandelen van BNP Paribas op het moment van de uitoefening of de verkoopprijs van de onderliggende aandelen van BNP Paribas, naar discretie van de FPIM.
Deze optie wordt verantwoord op basis van de reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening onder Ongerealiseerde winst (verlies) op Calloptie BNP Paribas aandelen.
Op 27 april 2013 heeft Ageas de calloptie weer verkocht aan FPIM voor EUR 144 miljoen (wat neerkomt op EUR 0,64 per Ageas aandeel). De transactie is voor het einde van het eerste halfjaar van 2013 afgerond.
11 Verzekeringsverplichtingen
11.1 Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven
De volgende tabel geeft een overzicht van de Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven per 31 maart.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Verplichting voor toekomstige uitkering aan polishouders | 25.689,5 | 25.527,1 |
| Verplichting voor winstdeling polishouders | 298,5 | 297,7 |
| Shadow accounting | 743,1 | 441,8 |
| Voor eliminaties | 26.731,1 | 26.266,6 |
| Eliminaties | - 4,0 | - 3,9 |
| Bruto | 26.727,1 | 26.262,7 |
| Herverzekering | - 237,8 | - 208,2 |
| Netto | 26.489,3 | 26.054,5 |
11.2 Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven
De volgende tabel geeft een overzicht van de Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven per 31 maart.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Verplichting voor toekomstige uitkering aan polishouders | 28.237,0 | 28.205,3 |
| Verplichting voor winstdeling polishouders | 78,5 | 183,7 |
| Shadow accounting | 840,9 | 403,8 |
| Bruto | 29.156,4 | 28.792,8 |
| Herverzekering | ||
| Netto | 29.156,4 | 28.792,8 |
11.3 Verplichtingen inzake unit-linked contracten
De Verplichtingen inzake unit-linked contracten voor rekening en risico van polishouders gesplitst naar verzekerings- en beleggingscontracten kunnen als volgt worden weergegeven.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Verzekeringscontracten | 1.828,7 | 1.795,4 |
| Beleggingscontracten | 12.743,1 | 12.374,6 |
| Totaal | 14.571,8 | 14.170,0 |
11.4 Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven
De volgende tabel geeft een overzicht van de Verplichtingen inzake Niet-Leven verzekeringscontracten per 31 maart.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Schadeverplichting | 5.340,1 | 5.284,6 |
| Niet-verdiende premies | 1.586,6 | 1.441,4 |
| Verplichting voor winstdeling polishouders | 10,7 | 7,4 |
| Shadow accounting | 63,8 | |
| Bruto | 6.937,4 | 6.797,2 |
| Herverzekering | - 513,2 | - 505,1 |
| Netto | 6.424,2 | 6.292,1 |
12 Schuldbewijzen
De volgende tabel toont de verschillende Schuldbewijzen (EMTN) die Ageas heeft uitgegeven en de bedragen die per 31 maart uitstaan.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Tegen geamortiseerde kostprijs | 34,9 | |
| Tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening | 33,3 | 33,5 |
| Totaal schuldbewijzen | 33,3 | 68,4 |
Als gevolg van de veranderingen in de samenstelling van de voormalige Fortis-groep in oktober 2008, is er een onherstelbare inbreuk op de leningvoorwaarden ontstaan waardoor alle schuldbewijzen in gebreke en direct opvraagbaar zijn tegen de nominale waarde (van overige inbreuken op de leningvoorwaarden is geen sprake). Schuldbewijzen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening worden derhalve gewaardeerd op minimaal de nominale waarde. De nominale waarde van tegen reële waarde aangehouden schuldbewijzen met waardeveranderingen in de resultatenrekening per 31 maart 2014 was EUR 32,8 miljoen (2013: EUR 32,8 miljoen). De waardering van schuldbewijzen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening is gebaseerd op niveau 2. Ageas heeft geen activa tot zekerheid gesteld voor uitstaande schuldbewijzen.
13 Achtergestelde schulden
De achtergestelde schulden zijn per 31 maart als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| FRESH | 1.250,0 | 1.250,0 |
| Hybrone | 225,3 | 225,7 |
| Fixed Rate Reset Perpetual Subordinated Notes | 393,2 | 392,9 |
| Fixed to Floating Rate Callable Subordinated Notes | 99,4 | 99,3 |
| Overige achtergestelde schulden | 3,0 | 3,1 |
| Totaal achtergestelde schulden | 1.970,9 | 1.971,0 |
13.1 FRESH
Ageasfinlux S.A. heeft op 7 mei 2002 een Floating Rate Equitylinked Subordinated Hybrid obligatielening zonder afloopdatum (FRESH) uitgegeven ten bedrage van EUR 1.250 miljoen met een nominale waarde van EUR 250.000 per obligatie. De coupons zijn per kwartaal achteraf betaalbaar tegen een variabele rentevoet gelijk aan driemaands Euribor verhoogd met 135 basispunten.
De FRESH is uitgegeven door Ageasfinlux S.A., met ageas SA/NV als mededebiteur. Terugbetaling van de hoofdsom vindt niet in geld plaats. De houders van de FRESH kunnen ten opzichte van de mededebiteuren alleen recht doen gelden op 4,0 miljoen Ageas aandelen die Ageasfinlux S.A. ten gunste van de houders van de FRESH in onderpand heeft gegeven. In afwachting van het omruilen van de FRESH tegen Ageas aandelen hebben deze Ageas aandelen geen dividend- of stemrecht (het per 31 maart 2014 gerapporteerde aantal uitstaande Ageas aandelen is inclusief de 4,0 miljoen Ageas aandelen die zijn uitgegeven voor deze omruil).
In het geval dat geen dividend wordt betaald op aandelen Ageas, of dat het vast te stellen dividend met betrekking tot een boekjaar onder de drempel ligt (dividendrendement < 0,5%), of in bepaalde andere uitzonderlijke omstandigheden, zal de betaling van coupons plaatsvinden in overeenstemming met de zogenaamde Alternative Coupon Settlement Method (ACSM). De ACSM houdt in dat nieuwe aandelen Ageas worden uitgegeven en geleverd aan de houders van de FRESH. Tot op heden zijn alle coupons contant betaald. Als de ACSM in werking treedt en het beschikbare maatschappelijke kapitaal ontoereikend is voor ageas SA/NV om de ACSM-verplichting na te komen, wordt de couponbetaling opgeschort tot het moment dat de uitgifte van nieuwe aandelen weer mogelijk is. Vanwege deze kenmerken wordt de FRESH behandeld als onderdeel van het voor de toezichthouder kwalificerend vermogen.
De FRESH-obligaties kennen geen vervaldatum, maar kunnen naar keuze van de obligatiehouder worden omgezet in aandelen Ageas tegen een koers van EUR 315 per aandeel. De FRESH worden automatisch omgezet in aandelen Ageas indien de koers van het aandeel Ageas gedurende twintig achtereenvolgende handelsdagen gelijk is aan of hoger is dan EUR 472,50.
13.2 Hybrone
In 2006 heeft Ageas een special purpose vehicle opgericht onder de naam Ageas Hybrid Financing SA (hierna 'AHF'), dat eeuwigdurende sterk achtergestelde en onder gelijke condities uitgegeven effecten uitgaf en de opbrengsten daarvan investeerde in instrumenten van (voormalige) werkmaatschappijen van Ageas. Deze instrumenten worden meegenomen in de berekening van de solvabiliteit voor deze entiteiten. De door AHF uitgegeven effecten vallen onder een zogenoemde 'support agreement' en een achtergestelde garantie afgegeven door ageas SA/NV.
Uit hoofde van de 'support agreement' is ageas SA/NV verplicht om zodanige middelen aan AHF te verstrekken als nodig om de couponverplichtingen te voldoen in ieder jaar dat Ageas een dividenduitkering vaststelt, ofwel om de coupon te betalen via de ACVM indien de entiteiten die de opbrengsten hebben ontvangen de coupons op de doorgeleende leningen niet in contanten voldoen tengevolge van schending van de toepasselijke wettelijke minimale solvabiliteitseisen. In het geval dat Ageas beneden het wettelijk vereiste minimum solvabiliteitsniveau komt of de geconsolideerde activa kleiner zijn dan de verplichtingen, exclusief schulden die niet beschouwd worden als 'Senior Debt' of in het geval dat AHF die keuze maakt, dan wordt de couponbetaling vervangen door een afrekening via de ACVM.
AHF heeft in 2006 een obligatie van EUR 500 miljoen uitgegeven onder de naam 'Hybrone', tegen een coupon van 5,125% tot 20 juni 2016 en driemaands Euribor plus 200 basispunten daarna. De opbrengsten van deze leningen werden doorgeleend aan AG Insurance. In maart 2013 lanceerde AHF een bod op de uitstaande effecten tegen een aankoopprijs van 91%, dit bod is uiteindelijk aanvaard voor een bedrag van EUR 163,6 miljoen. De doorlening aan AG Insurance werd met hetzelfde bedrag verminderd. Een aantal gelieerde ondernemingen van Ageas investeerde in Hybrone effecten, waardoor per 31 maart 2014 EUR 225,3 miljoen aan Hybrone effecten blijft uitstaan. De eerste calldatum van de resterende Hybrone effecten is op 20 juni 2016.
13.3 Fixed Rate Reset Perpetual Subordinated Notes ('notes')
AG Insurance heeft op 21 maart 2013 eeuwigdurende achtergestelde effecten uitgegeven ('notes') voor een bedrag van USD 550 miljoen en tegen een rente van 6,75%. De notes betreffen directe, ongedekte en achtergestelde verplichtingen van AG Insurance, en zijn in alle opzichten gelijk aan de andere achtergestelde verplichtingen binnen AG Insurance. De notes zijn genoteerd aan de beurs van Luxemburg. De notes kunnen in hun geheel, maar niet gedeeltelijk op de eerste calldatum (maart 2019) worden afgelost of op willekeurig welke andere rentevervaldag daarna.
13.4 Fixed-to-Floating Callable Subordinated Notes
Op 18 december 2013 plaatste AG Insurance voor een bedrag van EUR 450 miljoen Fixed-to-Floating Callable Subordinated Notes (achtergestelde obligaties met vaste naar veranderlijke rente), met vervaldatum 2044.
De obligaties geven een coupon van 5,25% per jaar, jaarlijks betaalbaar, tot de eerste calldatum in juni 2024 en vanaf die eerste calldatum zullen ze rente opbrengen tegen een variabele voet van 4,136% per jaar boven de 3-maands Euribor, per kwartaal betaalbaar.
De obligaties voorzien in een trimestriële optionele call door AG Insurance vanaf juni 2024 en in een optioneel of verplicht uitstel van rente onder bepaalde omstandigheden. De obligaties zullen kwalificeren als beschikbare solvabiliteitsmarge onder het heersende Europese reglementair kapitaalregime voor verzekeraars (Solvency I).
De obligaties zijn onderschreven door ageas SA/NV (EUR 350 miljoen) en BNP Paribas Fortis SA/NV (EUR 100 miljoen) en zijn genoteerd aan de Beurs van Luxemburg.
14 Leningen
De volgende tabel toont de samenstelling van de Leningen per 31 maart.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Terugkoopovereenkomsten | 1.228,0 | 1.184,7 |
| Leningen | 757,3 | 762,1 |
| Schulden aan banken | 1.985,3 | 1.946,8 |
| Depots van herverzekeraars | 84,8 | 81,0 |
| Financiële leaseverplichtingen | 22,1 | 22,8 |
| Overige schulden | 312,7 | 313,1 |
| Totaal schulden | 2.404,9 | 2.363,7 |
Ageas heeft obligaties met een boekwaarde van EUR 1.513,3 miljoen (31 december 2013: EUR 1.256,5 miljoen) als zekerheid gesteld voor Terugkoopovereenkomsten. Daarnaast is vastgoed met een boekwaarde van EUR 391,5 miljoen (31 december 2013: EUR 391,5 miljoen) als zekerheid gesteld voor Leningen en overige.
De boekwaarde van de leningen is een redelijke benadering van de reële waarde doordat de looptijden van contracten minder dan een jaar bedragen (terugkoopovereenkomsten) en/of doordat contracten een variabele rente dragen (leningen van banken). De reële waarde is derhalve gebaseerd op waarneembare marktgegevens (niveau 2).
15 Acute en uitgestelde belastingen
Uitgestelde belastingen zijn het gevolg van het belastingeffect van tijdelijke verschillen tussen de statutaire rapportering en de geconsolideerde rapportering volgens IFRS. Actieve belastinglatenties vloeien voort uit overgedragen verliezen, waarvan de recuperatie door winsten in de toekomst zeer waarschijnlijk is.
Een nadere detaillering van de Uitgestelde winstbelastingen is als volgt.
| Balans | Resultatenrekening | |||
|---|---|---|---|---|
| Eerste drie | Eerste drie | |||
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | maanden 2014 | maanden 2013 | |
| Uitgestelde belastingvorderingen op: | ||||
| Beleggingen (beschikbaar voor verkoop) | - 14,7 | 6,9 | - 92,1 | |
| Vastgoedbeleggingen | 20,4 | 20,5 | - 0,1 | 6,2 |
| Materiële vaste activa | 36,3 | 36,3 | - 2,6 | |
| Immateriële vaste activa (exclusief goodwill) | 6,1 | 5,9 | 0,1 | - 0,1 |
| Verzekeringspolis en claim reserves | 612,2 | 428,8 | - 4,1 | - 72,7 |
| Voorzieningen voor pensioenen en uitkeringen na uitdiensttreding | 152,9 | 139,9 | 0,1 | - 1,7 |
| Overige voorzieningen | 11,0 | 12,6 | - 1,7 | 0,3 |
| Overlopende kosten en vooruit ontvangen opbrengsten | 0,2 | 0,2 | - 1,5 | |
| Niet-aangewende compensabele verliezen | 129,3 | 141,8 | 0,1 | - 2,0 |
| Overige | 49,6 | 48,4 | 1,2 | 29,9 |
| Bruto uitgestelde belastingvorderingen | 1.003,3 | 834,4 | 2,5 | - 136,3 |
| Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen | - 80,1 | - 99,4 | 6,5 | 0,3 |
| Netto uitgestelde belastingvorderingen | 923,2 | 735,0 | 9,0 | - 136,0 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen op: | ||||
| Afgeleide financiële instrumenten (activa) | 0,4 | 0,1 | - 0,3 | 0,3 |
| Beleggingen (beschikbaar voor verkoop) | 1.534,5 | 1.172,6 | - 6,9 | 91,4 |
| Unit-linked beleggingen | 1,2 | 1,9 | 0,6 | 0,2 |
| Vastgoedbeleggingen | 84,0 | 82,1 | - 1,2 | - 17,8 |
| Leningen aan klanten | 1,7 | 1,5 | - 0,1 | |
| Materiële vaste activa | 183,2 | 184,2 | 1,0 | 1,2 |
| Immateriële vaste activa (exclusief goodwill) | 126,3 | 128,0 | 1,7 | 1,6 |
| Overige voorzieningen | 6,5 | 7,8 | 1,4 | |
| Overlopende acquisitiekosten | 44,4 | 47,0 | 2,8 | 3,2 |
| Vooruitbetaalde lasten en overlopende baten | 1,4 | 1,4 | - 1,8 | |
| Belastingvrij gerealiseerde reserves | 63,3 | 64,3 | 1,0 | 0,6 |
| BNP Paribas call optie | 30,6 | |||
| Overige | 70,0 | 88,0 | 10,8 | 23,0 |
| Totaal uitgestelde belastingverplichtingen | 2.116,9 | 1.778,9 | 10,8 | 132,5 |
| Uitgestelde belastingopbrengsten (lasten) | 19,8 | - 3,5 | ||
| Netto uitgestelde belastingen | - 1.193,7 | - 1.043,9 |
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gesaldeerd wanneer sprake is van een wettelijk afdwingbaar recht om acute belastingvorderingen te salderen met acute belastingverplichtingen en wanneer de uitgestelde belastingen betrekking hebben op dezelfde belastingautoriteit . Na saldering zijn de bedragen als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Uitgestelde belastingvorderingen | 70,0 | 80,1 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 1.263,7 | 1.124,0 |
| Netto uitgestelde belastingen | - 1.193,7 | - 1.043,9 |
16 RPN(I)
De RPN(I) is een financieel instrument dat leidt tot kwartaalbetalingen gedaan aan of ontvangen van BNP Paribas Fortis SA/NV.
BNP Paribas Fortis SA/NV heeft in 2007, met Ageas SA/NV als mededebiteur, CASHES effecten uitgegeven. CASHES zijn converteerbare effecten die in aandelen Ageas kunnen worden omgezet tegen een voorafgestelde prijs van EUR 239,40 per aandeel. BNP Paribas Fortis SA/NV en Ageas SA/NV, die op dat moment beide deel uitmaakten van de Fortis groep, introduceerden een financieel instrument, de 'Relative Performance Note' (RPN), ter voorkoming van boekhoudkundige volatiliteit van de aandelen Ageas en van de in de boeken van BNP Paribas Fortis SA/NV tegen reële waarde geboekte CASHES. Bij de opsplitsing van Fortis in 2009 zijn BNP Paribas Fortis SA/NV en Ageas overeengekomen rente te betalen over een in deze RPN vermeld referentiebedrag. Deze rentebetaling per kwartaal wordt gewaardeerd als een financieel instrument en aangeduid als RPN(I).
De RPN(I) bestaat zolang er uitstaande CASHES in de markt zijn. In 2007 zijn aanvankelijk 12.000 CASHES uitgegeven. Ageas en BNP Paribas hebben in februari 2012 een overeenkomst bereikt waarbij Ageas aan BNP Paribas een schadevergoeding heeft betaald van EUR 287 miljoen, nadat BNP Paribas een bod op de CASHES tegen een prijs van 47,5% had gelanceerd en de 7.553 aangeboden CASHES inwisselde tegen onderliggende aandelen Ageas, wat leidde tot de pro-rata vrijval van de RPN(I) verplichting. Na deze conversie resteren 4.447 uitstaande CASHES.
Referentiebedrag en rentebetalingen
Het referentiebedrag wordt als volgt berekend:
- het verschil tussen de nominale waarde van EUR 3.000 miljoen bij de uitgifte en de marktwaarde van de CASHES zoals genoteerd op de beurs van Luxemburg, minus
- het verschil tussen EUR 2.350 miljoen en de marktwaarde van 12,53 miljoen aandelen Ageas waarin het instrument wordt geconverteerd, vermenigvuldigd met:
- het aantal CASHES die blijven uitstaan (4.447/12.000 = 37,06%).
De rentebetalingen per kwartaal bedragen 3-maands EURIBOR plus 20 basispunten over het gemiddelde referentiebedrag in het kwartaal. Als het referentiebedrag positief is, betaalt BNP Paribas Fortis SA/NV over het referentiebedrag rente aan Ageas. Is dat referentiebedrag negatief, dan betaalt Ageas over het referentiebedrag rente aan BNP Paribas Fortis SA/NV.
Staatsgarantie en intrekking van deze garantie
Tot en met 31 maart 2014 gaf de Belgische staat een staatsgarantie uit op de door Ageas aan BNP Paribas Fortis SA/NV betaalde rente. Ageas betaalde de Belgische staat een vergoeding voor deze garantie ter hoogte van 70 basispunten per jaar over het referentiebedrag, terwijl Ageas de Belgische staat 14% van de aandelen AG Insurance in onderpand had gegeven in geval dat Ageas haar rentebetalingen niet zou nakomen.
Met het oog op het intrekken van de staatsgarantie hebben betrokken partijen op 1 april 2014 de overeenkomst aangepast. Het onderpand ten gunste van de Belgische staat werd vervangen door een onderpand bestaande uit aandelen AG Insurance direct ten gunste van BNP Paribas Fortis SA/NV, waarbij het percentage aandelen dat in onderpand is gegeven werd verminderd van 14% naar 7,3% van het totaal aantal uitstaande aandelen AG Insurance. Om het hogere kredietrisico weer te geven is de van toepassing zijnde rente over het referentiebedrag gewijzigd van 3 maands Euribor plus 20 basispunten in 3-maands Euribor plus 90 basispunten. Op dezelfde datum is de vergoedingsverplichting van Ageas jegens de Belgische staat opgeheven.
Waardebepaling
Ageas hanteert het begrip 'overdracht' om de reële waarde van de RPN(I) verplichting te bepalen. IFRS 13 definieert reële waarde als de prijs die ontvangen zou worden bij de verkoop van een actief of betaald zou moeten worden bij het overdragen van een verplichting in een ordelijke transactie tussen marktpartijen op de waarderingsdatum. De definitie van reële waarde gaat expliciet uit van een 'eindprijs', de prijs 'die betaald moet worden bij het overdragen van een verplichting'. Als zulke prijzen niet beschikbaar zijn en de verplichting wordt door een andere entiteit als een actief gehouden, dan moet de verplichting worden gewaardeerd vanuit het perspectief van een marktpartij die het actief aanhoudt. Ageas waardeert de verplichting tegen het referentiebedrag.
Het RPN referentiebedrag is gevoelig voor waardeveranderingen van de CASHES en de koers van het Ageas aandeel: als de waarde van de CASHES, uitgedrukt in een percentage van de fractiewaarde, met 1% stijgt, stijgt het referentiebedrag met EUR 11 miljoen, terwijl een stijging van EUR 1,00 van het Ageas aandeel, het referentiebedrag met EUR 5 miljoen zal doen dalen.
De stijging van het referentiebedrag van EUR 370 miljoen per jaareinde 2013 naar EUR 474 miljoen op 31 maart 2014 werd voornamelijk verklaard door een stijging van de waarde van de CASHES van 67,88% naar 77,80% in de eerste drie maanden van 2014, en werd slechts deels gecompenseerd door de stijging van het Ageas aandeel van EUR 30,95 naar EUR 32,35 in dezelfde periode.
17 Voorzieningen
Voorzieningen hebben voornamelijk betrekking op juridische geschillen en reorganisaties en zijn gebaseerd op de best mogelijke schattingen zoals beschikbaar aan het einde van de verslagperiode, op basis van het oordeel van het management en in de meeste gevallen ondersteund door de mening van juridische adviseurs. Het tijdstip van de uitgaande kasstromen die samenhangen met deze voorzieningen is per definitie onzeker, gezien de onvoorspelbaarheid van de uitkomst van en de tijd die gemoeid is met het afwikkelen van geschillen.
Het verloop van de voorzieningen gedurende het jaar is als volgt.
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |
|---|---|---|
| Stand per 1 januari | 45,0 | 69,1 |
| Toename voorziening | 1,2 | - 2,3 |
| Aanwendingen in de loop van het jaar | - 17,3 | - 21,5 |
| Omrekeningsverschillen | - 0,3 | |
| Stand per einde periode | 28,9 | 45,0 |
18 Verplichting ivm geschreven putoptie op door BNP Paribas Fortis SA/NV gehouden AG Insurance aandelen
Ageas sloot op 12 maart 2009 een overeenkomst over de verkoop van 25% + 1 aandeel AG Insurance aan Fortis Bank (nu BNP Paribas Fortis Bank SA/NV) voor een bedrag van EUR 1.375 miljoen. Deze overeenkomst is door de Vergaderingen van Aandeelhouders van Ageas in mei 2009 goedgekeurd. Als onderdeel van deze overeenkomst stemde Ageas erin toe dat Fortis Bank het recht heeft om het verworven belang in AG Insurance aan Ageas te verkopen gedurende een periode van zes maanden na 1 januari 2018.
Ageas concludeerde dat het uitoefenen van de putoptie onvoorwaardelijk is. In overeenstemming met IAS 32 is Ageas daarom verplicht een financiële verplichting op te nemen voor de contante waarde van de geschatte uitoefenprijs van de putoptie in 2018. Deze financiële verplichting wordt in een separate regel (Verplichting met betrekking tot geschreven putoptie) in de Balans verantwoord. De verplichting wordt ook in de Algemene Rekening verantwoord aangezien de verplichting betrekking heeft op Ageas Insurance International N.V. (de moedermaatschappij van AG Insurance). Ageas waardeert de verplichting op de contante waarde per de verslagdatum van het bedrag dat naar verwachting bij de afwikkeling moet worden betaald.
De tegenhanger van deze verplichting is een waardevermindering van het onderliggende minderheidsbelang. Het verschil tussen de waarde van het minderheidsbelang en de reële waarde van de verplichting wordt toegevoegd aan Overige reserves, die in het eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders zijn opgenomen.
Volgende wijzigingen in de reële waarde van de verplichting met betrekking tot de geschreven putoptie worden verantwoord in Overige reserves.
Als de optie in 2018 wordt uitgeoefend, zal de verplichting als een contante betaling van Ageas aan BNP Paribas Fortis SA/NV worden afgewikkeld en zal Ageas weer 25% + 1 aandeel AG Insurance verwerven. Als de optie echter afloopt zonder te zijn uitgeoefend wordt de verplichting verantwoord ten laste van Minderheidsbelangen en Overige reserves.
Berekening van de verplichting
Ageas gebruikt de 'embedded value' van de Leven activiteiten van AG Insurance en een verdisconteerd kasstroommodel voor de Niet-Leven activiteiten als uitgangspunt voor de berekening van de verplichting. Om het verwachte afwikkelingsbedrag te bepalen, is de toegepaste waarderingsmethode gebaseerd op:
- huidige embedded value multiples voor levensverzekeringsmaatschappijen;
- een groei van de waarde op basis van verwacht rendement van 11% op de embedded value en een dividend payout van 50% voor 2013 en 75% voor de jaren erna;
- een disconteringsvoet van 10%.
Verwerking van de optie in de resultatenrekening
Zolang de optie niet is uitgeoefend wordt het resultaat van het Minderheidsbelang (25% + 1 aandeel BNP) in de Geconsolideerde resultatenrekening verantwoord als Minderheidsbelang.
Op basis van deze parameters is de netto contante waarde van de verplichting per 31 maart 2014 EUR 1.274 miljoen (31 december 2013: EUR 1.255 miljoen). De volgende gevoeligheden zijn berekend.
| Disconteringsvoet | +1% punt | - 1% punt |
|---|---|---|
| Waarde verplichting | 1.232 | 1.319 |
| Relatieve impact | -3,3% | 3,5% |
| "Price to Embedded Value" | +10% | -10% |
| Waarde verplichting | 1.378 | 1.180 |
| Relatieve impact | 8,2% | -7,4% |
| Groei percentage | +1% punt | - 1% punt |
| Waarde verplichting | 1.313 | 1.236 |
| Relatieve impact | 3,1% | -3,0% |
Het effect van de boekhoudkundige verwerking van de verplichting met betrekking tot de geschreven putoptie op het eigen vermogen is als volgt:
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | Wijziging | |
|---|---|---|---|
| Waarde verplichting inzake geschreven putoptie | 1.274,0 | 1.255,0 | 19,0 |
| Gerelateerde minderheidsbelangen | - 1.337,9 | - 1.225,5 | - 112,4 |
| Effect op eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 63,9 | - 29,5 | 93,4 |
Toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening
19 Verzekeringspremies
Hieronder volgt een overzicht van de samenstelling van de bruto en netto verdiende premies van het verzekeringsbedrijf.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Bruto premie-inkomen Leven | 1.657,7 | 1.543,5 |
| Bruto premie-inkomen Niet-leven | 1.132,0 | 1.084,7 |
| Algemeen en eliminaties | - 0,1 | - 0,1 |
| Totaal bruto premie-inkomen | 2.789,6 | 2.628,1 |
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Netto premies Leven | 1.185,1 | 1.128,4 |
| Netto premies Niet-leven | 931,6 | 920,1 |
| Algemeen en eliminaties | - 0,1 | - 0,1 |
| Totaal netto premies | 2.116,6 | 2.048,4 |
Leven
In de onderstaande tabel worden de bruto premie-inkomsten Leven weergegeven.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Unit-linked contracten | ||
| Geboekte eenmalige premies | 2,3 | 0,8 |
| Geboekte periodieke premies | 22,2 | 23,2 |
| Totaal collectief | 24,5 | 24,0 |
| Geboekte eenmalige premies | 18,3 | 16,0 |
| Geboekte periodieke premies | 7,0 | 7,0 |
| Totaal individueel | 25,3 | 23,0 |
| Totaal unit-linked contracten | 49,8 | 47,0 |
| Niet unit-linked contracten | ||
| Geboekte eenmalige premies | 58,8 | 89,4 |
| Geboekte periodieke premies | 214,3 | 214,5 |
| Totaal collectief | 273,1 | 303,9 |
| Geboekte eenmalige premies | 105,8 | 119,2 |
| Geboekte periodieke premies | 184,2 | 177,8 |
| Totaal individueel | 290,0 | 297,0 |
| Totaal niet unit-linked contracten | 563,1 | 600,9 |
| Beleggingscontracten met DPF | ||
| Geboekte eenmalige premies | 492,5 | 419,5 |
| Geboekte periodieke premies | 109,0 | 88,6 |
| Totaal beleggingscontracten met DPF | 601,5 | 508,1 |
| Geboekte premies Leven | 1.214,4 | 1.156,0 |
| Geboekte eenmalige premies | 411,4 | 354,8 |
| Geboekte periodieke premies | 31,9 | 32,7 |
| Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF | 443,3 | 387,5 |
| Bruto premie-inkomen Leven | 1.657,7 | 1.543,5 |
De premie-instroom van beleggingscontracten zonder DPF, met name unit-linked contracten, wordt - na aftrek van commissies direct verantwoord als verplichting ('deposit accounting'). Commissies worden in de resultatenrekening verantwoord als commissiebaten.
De bruto premies Leven bestaan uit de ontvangen premies van de verzekeringsmaatschappijen voor uitgegeven verzekerings- en beleggingscontracten. Het premie-inkomen van verzekeringscontracten en van beleggingscontracten met DPF wordt verantwoord in de resultatenrekening.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Bruto premies Leven | 1.214,4 | 1.156,0 |
| Afgegeven herverzekeringspremies | - 29,3 | - 27,6 |
| Netto premies Leven | 1.185,1 | 1.128,4 |
Niet-leven
Hieronder wordt een overzicht gegeven van de opbouw van de netto verdiende premies Niet-Leven. De verzekeringspremies voor auto, brand en overige zijn samengevoegd onder overige Niet-Leven.
| Ongevallen en | Overige | ||
|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2014 | Ziekte | Niet-leven | Totaal |
| Bruto geboekte premies | 258,8 | 873,2 | 1.132,0 |
| Wijziging in niet-verdiende premies, bruto | - 53,3 | - 86,1 | - 139,4 |
| Bruto verdiende premies | 205,5 | 787,1 | 992,6 |
| Afgegeven herverzekeringspremies | - 10,3 | - 54,3 | - 64,6 |
| Aandeel herverzekeraars in niet-verdiende premies | 1,9 | 1,7 | 3,6 |
| Netto verdiende premies Niet-leven | 197,1 | 734,5 | 931,6 |
| Ongevallen en | Overige | ||
|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2013 | Ziekte | Niet-leven | Totaal |
| Bruto geboekte premies | 254,1 | 830,6 | 1.084,7 |
| Wijziging in niet-verdiende premies, bruto | - 49,6 | - 53,8 | - 103,4 |
| Bruto verdiende premies | 204,5 | 776,8 | 981,3 |
| Afgegeven herverzekeringspremies | - 8,8 | - 52,0 | - 60,8 |
| Aandeel herverzekeraars in niet-verdiende premies | 1,3 | - 1,7 | - 0,4 |
| Netto verdiende premies Niet-leven | 197,0 | 723,1 | 920,1 |
De verdeling van de netto verdiende premies Niet-Leven per segment is als volgt.
| Ongevallen en | Overige | ||
|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2014 | Ziekte | Niet-leven | Totaal |
| België | 121,6 | 323,6 | 445,2 |
| VK | 16,9 | 368,7 | 385,6 |
| Continentaal Europa | 58,6 | 42,2 | 100,8 |
| Netto verdiende premies Niet-leven | 197,1 | 734,5 | 931,6 |
| Eerste drie maanden 2013 | Ongevallen en Ziekte |
Overige Niet-leven |
Totaal |
|---|---|---|---|
| België | 123,7 | 308,7 | 432,4 |
| VK | 16,4 | 372,5 | 388,9 |
| Continentaal Europa | 56,9 | 41,9 | 98,8 |
| Netto verdiende premies Niet-leven | 197,0 | 723,1 | 920,1 |
20 Rentebaten, dividend en overige beleggingsbaten
De onderstaande tabel geeft een specificatie van de Rentebaten, dividend en de overige beleggingsbaten.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Rentebaten | ||
| Rentebaten op geldmiddelen en kasequivalenten | 1,5 | 1,7 |
| Rentebaten uit vorderingen op banken | 5,6 | 23,3 |
| Rentebaten op beleggingen | 510,9 | 520,2 |
| Rentebaten uit vorderingen op klanten | 40,7 | 36,6 |
| Rentebaten uit derivaten aangehouden voor handelsdoeleinden | 0,9 | 2,0 |
| Overige rentebaten | 6,2 | 6,6 |
| Totaal rentebaten | 565,8 | 590,4 |
| Dividenden op aandelen | 13,6 | 12,1 |
| Huurbaten uit vastgoedbelegging | 55,0 | 55,5 |
| Opbrengsten parkeergarage | 70,9 | 66,9 |
| Overige baten op beleggingen | 10,7 | 12,3 |
| Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten | 716,0 | 737,2 |
21 Resultaat op verkoop en herwaarderingen
De onderstaande tabel geeft een specificatie van het Resultaat op verkoop en herwaarderingen .
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Obligaties aangehouden voor verkoop | 35,0 | 21,6 |
| Aandelen aangehouden voor verkoop | 40,0 | 28,6 |
| Derivaten aangehouden voor handelsdoeleinden | - 1,6 | - 7,9 |
| Vastgoedbeleggingen | 5,3 | 6,4 |
| Gerealiseerde winst op de verkoop van aandelen | ||
| van dochtermaatschappijen en geassocieerde deelnemingen | - 1,1 | - 0,1 |
| Materiële vaste activa | 0,1 | 0,1 |
| Activa en verplichtingen tegen reële waarde met waardeveranderingen | ||
| in de resultatenrekening | 0,3 | 2,5 |
| Afdekkingsresultaten | - 0,4 | - 0,4 |
| Overige | 0,7 | 12,7 |
| Totaal Resultaat op verkoop en herwaarderingen | 78,3 | 63,5 |
De initiële waardering van derivaten is de aanschafprijs van het financiële instrument, inclusief met de aanschaf gepaard gaande transactiekosten. Na de initiële waardering vindt waardering plaats tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening.
Alle wijzigingen in de reële waarde van activa en verplichtingen die worden gehouden tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening worden hierboven verantwoord. Inbegrepen zijn zowel ongerealiseerde winsten en verliezen door herwaardering als gerealiseerde winsten en verliezen bij het verkopen van activa of het voldoen van verplichtingen.
De resultaten van afdekking bevatten de wijzigingen in de reële waarde die kunnen worden toegewezen aan het afgedekte risico, in de meeste gevallen het renterisico, van afgedekte activa en verplichtingen en de wijziging in reële waarde van de afdekkingsinstrumenten.
22 Schadelasten en uitkeringen
De opbouw van de Schadelasten en uitkeringen na herverzekering zoals verantwoord in de resultatenrekening is als volgt.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Levensverzekeringen | 1.443,2 | 1.377,3 |
| Niet-levensverzekeringen | 638,6 | 605,3 |
| Algemeen en eliminaties | - 0,1 | - 0,1 |
| Totaal schadelasten en uitkeringen, netto | 2.081,7 | 1.982,5 |
De volgende tabel toont de netto schadelasten en uitkeringen Leven, na herverzekering.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Uitkeringen en afkopen, bruto | 1.396,2 | 1.072,8 |
| Wijzigingen verplichtingen levensverzekering, bruto | 66,8 | 320,1 |
| Totaal schadelasten en uitkeringen Leven, bruto | 1.463,0 | 1.392,9 |
| Aandeel herverzekeraars in schadelasten en uitkeringen | - 19,8 | - 15,6 |
| Totaal schadelasten en uitkeringen Leven, netto | 1.443,2 | 1.377,3 |
De volgende tabel toont de netto schadelasten en uitkeringen Niet-Leven, na herverzekering.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Schaden, bruto | 618,3 | 590,9 |
| Wijzigingen in verplichtingen inzake verzekeringscontracten, bruto | 47,6 | 38,0 |
| Totaal schadelasten en uitkeringen Niet-leven, bruto | 665,9 | 628,9 |
| Aandeel herverzekeraars in betaalde schaden | - 24,2 | - 21,9 |
| Aandeel herverzekeraars in wijziging in verplichtingen inzake verzekeringscontracten | - 3,1 | - 1,7 |
| Totaal schadelasten en uitkeringen Niet-leven, netto | 638,6 | 605,3 |
Toelichting op de Geconsolideerde Resultatenrekening
23 Financieringslasten
De onderstaande tabel toont de Financieringslasten naar product.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Financieringslasten | ||
| Schuldbewijzen | 0,5 | 6,8 |
| Achtergestelde schulden | 17,4 | 37,7 |
| Leningen | 6,5 | 7,6 |
| Overige financieringen | 3,9 | 2,2 |
| Derivaten | 1,5 | 1,1 |
| Overige schulden | 9,8 | 9,6 |
| Totaal financieringslasten | 39,6 | 65,0 |
24 Wijzigingen in de bijzondere waardeverminderingen
De Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen kunnen als volgt worden gespecificeerd.
| Eerste drie maanden 2014 | Eerste drie maanden 2013 | |
|---|---|---|
| Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen op: | ||
| Beleggingen in aandelen en overige beleggingen | 2,7 | 5,0 |
| Leningen | 1,1 | 0,5 |
| Herverzekering en overige vorderingen | 1,3 | 1,6 |
| Overlopende rente en overige activa | 3,8 | |
| Totaal wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen | 5,1 | 10,9 |
Informatie operationele segmenten
25 Informatie operationele segmenten
25.1 Algemene informatie
Ageas heeft de organisatiestructuur gebaseerd op een slagvaardig Executive Committee (ExCo) en een Management Committee dat bestaat uit het ExCo, de Chief Operating Officer, de Chief Executive Officers van de vier geografische regio's en de Group Risk Officer.
Operationele segmenten
Ageas is georganiseerd in vijf operationele segmenten (zie verder voor meer details):
- België;
- Verenigd Koninkrijk (VK);
- Continentaal Europa;
- Azië;
- Algemene Rekening.
Ageas is van mening dat de meest gepaste wijze van rapportering van de operationele segmenten onder IFRS gebaseerd is op de regio's waarin Ageas opereert: België, Verenigd Koninkrijk, Continentaal Europa en Azië. Verder rapporteert Ageas activiteiten die niet verband houden met kernverzekeringsactiviteiten zoals groep finance en andere holdingactiviteiten in de Algemene Rekening als een separaat operationeel segment.
De segmentrapportage van Ageas op basis van IFRS geeft de volledige economische bijdrage van de operationele segmenten van Ageas weer. Het doel van deze rapportage is het direct alloceren van alle balans- en resultatenrekeningposten aan die operationele segmenten die hiervoor de volledige managementverantwoordelijkheid dragen.
Transacties tussen de verschillende operationele segmenten vinden plaats tegen marktconforme condities.
Allocatieregels
In overeenstemming met het businessmodel van Ageas verantwoorden de verzekeringsmaatschappijen de ondersteunende activiteiten direct in de werkmaatschappij.
Het alloceren van balansposten aan operationele segmenten geschiedt op basis van een bottom-up aanpak, gebaseerd op aan externe klanten verkochte producten. Voor de balansposten die niet gerelateerd zijn aan externe klanten verkochte producten wordt een op maat gemaakte methode gehanteerd, aangepast aan het specifieke businessmodel van elk gerapporteerd segment.
25.2 België
De Belgische verzekeringsactiviteiten, sinds juni 2009 onder de naam AG Insurance, hebben een lange bestaansgeschiedenis. De onderneming heeft ongeveer 3,5 miljoen klanten met een premieinkomen op jaarbasis van EUR 6,0 miljard. 69% van het premieinkomen komt uit Leven, de rest uit Niet-Leven. AG Insurance is ook 100% eigenaar van AG Real Estate dat is uitgegroeid tot de grootste vastgoedmaatschappij in België.
AG Insurance richt zich op particulieren en kleine, middelgrote en grote bedrijven. AG Insurance biedt een uitgebreid assortiment producten aan in Leven- en Niet-Leven, dat via verschillende kanalen wordt verkocht: via meer dan 3.000 onafhankelijke makelaars en via de bankkanalen van BNP Paribas Fortis SA/NV en dochterondernemingen. AG Employee Benefits is de entiteit die zich toespitst op de verkoop van collectieve en zorgverzekeringsproducten, voornamelijk aan grotere ondernemingen. Sinds mei 2009 is BNP Paribas Fortis SA/NV 25% eigenaar van AG Insurance.
25.3 Verenigd Koninkrijk (VK)
In het Verenigd Koninkrijk is Ageas marktleider in verzekeringsoplossingen Niet-Leven; in 2008 werden verwante nieuwe levensverzekeringsactiviteiten gelanceerd. Ageas is in het Verenigd Koninkrijk sterk vertegenwoordigd in particuliere verzekeringen en werkt aan de uitbreiding van bedrijfsverzekeringen. De onderverdeling is circa 82% particuliere verzekeringen, 16% bedrijfsverzekeringen en 2% Leven. De activiteiten in het Verenigd Koninkrijk zijn affinity-partner van een aantal sterke merknamen zoals Tesco Bank, John Lewis Partnership, Age UK en Toyota (GB) Limited. In het Verenigd Koninkrijk wordt een multichannel-distributiestrategie gehanteerd met makelaars, affinity-partners en eigen distributie. Onder haar volledige dochterondernemingen bevinden zich Ageas 50 (voorheen RIAS en Castle Cover), die meer dan een miljoen klanten heeft in het groeiende marktsegment van 50-plussers, en Ageas Insurance Solutions, die 'white label'-oplossingen biedt aan affinity-partners, outsourcingdiensten en rechtstreeks via het internet producten promoot van het eigen merk.
De recente overnames van de laatste jaren en de integratie van de overgenomen activiteiten van Kwik-Fit Insurance Services hebben de diverse marktposities van Ageas in het Verenigd Koninkrijk versterkt. Ageas heeft in november 2012 daarnaast Groupama Insurance Company Limited (GICL) overgenomen. De overname heeft de marktpositie in het Niet-Leven segment verder versterkt.
Om inzicht te bieden in de bijdrage van de diverse segmenten, heeft Ageas besloten de resultaten van het Verenigd Koninkrijk op te splitsen in drie deelsegmenten: Leven, Niet-Leven en Overige verzekeringen. Onder Overige verzekeringen vallen de resultaten uit de retailactiviteiten en kosten van de hoofdkantoren in het Verenigd Koninkrijk.
25.4 Continentaal Europa
Continentaal Europa bestaat momenteel uit de verzekeringsactiviteiten van Ageas in Europa, met uitzondering van België en het Verenigd Koninkrijk. Ageas is in dit segment actief in vijf landen: Portugal, Frankrijk, Italië, Luxemburg en sinds 2011 Turkije en biedt producten aan in Leven (in Portugal, Frankrijk en Luxemburg) en Niet-Leven (Portugal, Italië en Turkije). Dankzij een aantal belangrijke partnerships met bedrijven met een aanzienlijke marktpositie zijn deze markten toegankelijker geworden.
In 2014 had circa 76% van het premie-inkomen betrekking op Leven en 24% op Niet-Leven.
25.5 Azië
Ageas is actief in een aantal landen in Azië. Het regionale kantoor en de 100% dochteronderneming bevinden zich in Hong Kong. De andere activiteiten zijn georganiseerd in de vorm van joint ventures met leidende plaatselijke partners en financiële instellingen in China (20-24,9% eigendom Ageas), Maleisië (30,95% eigendom Ageas), Thailand (15-31% eigendom Ageas) en India (26% eigendom Ageas). Ageas rapporteert op geconsolideerde basis over de dochteronderneming in Hong Kong, terwijl de andere ondernemingen als geassocieerde deelnemingen worden verantwoord.
25.6 Algemene Rekening
De Algemene Rekening omvat activiteiten die geen verband houden met de kernactiviteit verzekeren, zoals groepsfinancieringen en andere activiteiten van de houdstermaatschappij(en). Onder de Algemene Rekening vallen tevens de investering in Royal Park Investments, de verplichtingen uit hoofde van de CASHES/RPN(I) en de geschreven putoptie op NCI.
25.7 Balans per operationeel segment
| Continentaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 maart 2014 | België | VK | Europa | Azië | Algemeen | Eliminaties | Totaal |
| Activa | |||||||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 1.034,8 | 183,0 | 381,4 | 166,8 | 1.173,7 | 2.939,7 | |
| Financiële beleggingen | 50.658,4 | 2.392,0 | 8.269,2 | 1.606,7 | 462,9 | - 11,7 | 63.377,5 |
| Vastgoedbeleggingen | 2.323,0 | 21,6 | 0,4 | 2.345,0 | |||
| Leningen | 4.981,8 | 43,6 | 64,0 | 224,8 | 1.378,1 | - 1.229,1 | 5.463,2 |
| Beleggingen inzake unit-linked contracten | 6.474,4 | 7.416,0 | 681,7 | - 73,3 | 14.498,8 | ||
| Beleggingen in geassocieerde deelnemingen | 304,2 | 90,1 | 267,9 | 862,7 | 53,0 | 7,5 | 1.585,4 |
| Herverzekering en overige vorderingen | 811,0 | 1.018,3 | 230,0 | 67,8 | 76,0 | - 76,7 | 2.126,4 |
| Actuele belastingvorderingen | 41,5 | 12,8 | 0,3 | 54,6 | |||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 16,5 | 34,9 | 18,6 | 70,0 | |||
| Overlopende rente en overige activa | 1.188,1 | 419,6 | 235,9 | 329,6 | 46,7 | - 32,4 | 2.187,5 |
| Materiële vaste activa | 1.012,7 | 78,5 | 5,1 | 4,7 | 0,9 | 1.101,9 | |
| Goodwill en overige immateriële vaste activa | 344,0 | 254,2 | 433,9 | 366,9 | 0,1 | 1.399,1 | |
| Totaal activa | 69.190,4 | 4.527,0 | 17.343,9 | 4.312,1 | 3.191,4 | - 1.415,7 | 97.149,1 |
| Verplichtingen | |||||||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven | 22.393,6 | 175,8 | 2.828,7 | 1.333,0 | - 4,0 | 26.727,1 | |
| Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven | 25.145,5 | 4.010,2 | 0,7 | 29.156,4 | |||
| Verplichtingen inzake unit-linked contracten | 6.474,3 | 7.415,7 | 681,8 | 14.571,8 | |||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven | 3.630,1 | 2.572,3 | 735,0 | 6.937,4 | |||
| Schuldbewijzen | 33,3 | 33,3 | |||||
| Achtergestelde schulden | 1.177,6 | 120,2 | 28,0 | 1.548,7 | - 903,6 | 1.970,9 | |
| Leningen | 1.952,6 | 183,8 | 24,8 | 461,2 | 181,3 | - 398,8 | 2.404,9 |
| Actuele belastingschulden | 64,9 | 7,1 | 50,0 | 9,0 | 0,2 | 131,2 | |
| Uitgestelde belastingschulden | 1.198,5 | 13,7 | 51,5 | 1.263,7 | |||
| RPN(I) | 473,8 | 473,8 | |||||
| Overlopende rente en overige verplichtingen | 1.672,2 | 338,0 | 224,4 | 141,6 | 86,1 | - 107,5 | 2.354,8 |
| Voorzieningen | 7,8 | 0,7 | 9,5 | 10,9 | 28,9 | ||
| Verplichting inzake geschreven putoptie | 1.274,0 | 1.274,0 | |||||
| Totaal verplichtingen | 63.717,1 | 3.411,6 | 15.377,8 | 2.627,3 | 3.608,3 | - 1.413,9 | 87.328,2 |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 4.013,2 | 1.115,4 | 1.263,6 | 1.684,8 | 921,0 | - 1,8 | 8.996,2 |
| Minderheidsbelangen | 1.460,1 | 702,5 | - 1.337,9 | 824,7 | |||
| Totaal eigen vermogen | 5.473,3 | 1.115,4 | 1.966,1 | 1.684,8 | - 416,9 | - 1,8 | 9.820,9 |
| Totaal verplichtingen en eigen vermogen | 69.190,4 | 4.527,0 | 17.343,9 | 4.312,1 | 3.191,4 | - 1.415,7 | 97.149,1 |
| Aantal werknemers (FTE) | 6.055 | 5.004 | 880 | 424 | 117 | 12.480 |
| Continentaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 december 2013 | België | VK | Europa | Azië | Algemeen | Eliminaties | Totaal |
| Activa | |||||||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 685,9 | 178,7 | 384,6 | 126,1 | 781,3 | 2.156,6 | |
| Financiële beleggingen | 49.268,0 | 2.406,7 | 8.045,2 | 1.575,1 | 384,3 | - 11,6 | 61.667,7 |
| Vastgoedbeleggingen | 2.332,3 | 21,8 | 0,4 | 2.354,5 | |||
| Leningen | 4.712,0 | 47,5 | 77,6 | 228,3 | 1.946,8 | - 1.227,8 | 5.784,4 |
| Beleggingen inzake unit-linked contracten | 6.399,9 | 7.115,0 | 655,4 | - 72,8 | 14.097,5 | ||
| Beleggingen in geassocieerde deelnemingen | 305,8 | 92,2 | 258,4 | 810,7 | 55,6 | 7,5 | 1.530,2 |
| Herverzekering en overige vorderingen | 782,8 | 938,2 | 233,6 | 68,9 | 3,6 | - 7,1 | 2.020,0 |
| Actuele belastingvorderingen | 52,6 | 18,9 | 2,4 | 73,9 | |||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 17,7 | 38,4 | 24,0 | 80,1 | |||
| Overlopende rente en overige activa | 1.522,3 | 422,1 | 245,7 | 311,5 | 34,6 | - 20,0 | 2.516,2 |
| Materiële vaste activa | 1.001,2 | 78,2 | 4,8 | 3,7 | 1,0 | 1.088,9 | |
| Goodwill en overige immateriële vaste activa | 351,8 | 252,6 | 437,6 | 370,5 | 0,1 | 1.412,6 | |
| Totaal activa | 67.432,3 | 4.473,5 | 16.850,7 | 4.150,6 | 3.207,3 | - 1.331,8 | 94.782,6 |
| Verplichtingen | |||||||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven | 22.070,8 | 153,3 | 2.730,6 | 1.311,9 | - 3,9 | 26.262,7 | |
| Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven | 24.696,4 | 4.095,7 | 0,7 | 28.792,8 | |||
| Verplichtingen inzake unit-linked contracten | 6.399,9 | 7.114,7 | 655,4 | 14.170,0 | |||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven | 3.552,7 | 2.524,2 | 720,3 | 6.797,2 | |||
| Schuldbewijzen | 68,4 | 68,4 | |||||
| Achtergestelde schulden | 1.177,0 | 119,5 | 28,0 | 1.548,5 | - 902,0 | 1.971,0 | |
| Leningen | 1.907,3 | 191,5 | 21,2 | 460,8 | 181,5 | - 398,6 | 2.363,7 |
| Actuele belastingschulden | 39,3 | 6,6 | 16,5 | 8,2 | 0,1 | 70,7 | |
| Uitgestelde belastingschulden | 1.045,3 | 25,6 | 53,1 | 1.124,0 | |||
| RPN(I) | 370,1 | 370,1 | |||||
| Overlopende rente en overige verplichtingen | 1.501,9 | 325,7 | 153,6 | 121,7 | 84,8 | - 25,7 | 2.162,0 |
| Voorzieningen | 16,6 | 5,9 | 11,5 | 11,0 | 45,0 | ||
| Verplichting inzake geschreven putoptie | 1.255,0 | 1.255,0 | |||||
| Totaal verplichtingen | 62.407,2 | 3.352,3 | 14.945,2 | 2.558,7 | 3.519,4 | - 1.330,2 | 85.452,6 |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 3.676,1 | 1.121,2 | 1.224,1 | 1.591,9 | 913,4 | - 1,6 | 8.525,1 |
| Minderheidsbelangen | 1.349,0 | 681,4 | - 1.225,5 | 804,9 | |||
| Totaal eigen vermogen | 5.025,1 | 1.121,2 | 1.905,5 | 1.591,9 | - 312,1 | - 1,6 | 9.330,0 |
| Totaal verplichtingen en eigen vermogen | 67.432,3 | 4.473,5 | 16.850,7 | 4.150,6 | 3.207,3 | - 1.331,8 | 94.782,6 |
| Aantal werknemers (FTE) | 6.083 | 4.876 | 1.070 | 418 | 123 | 12.570 |
Per 1 januari 2013 is de herziene standaard IAS 19 'Personeelsbeloningen' in werking getreden. De belangrijkste wijzigingen in de herziene standaard is de directe opname in het eigen vermogen van 'niet opgenomen actuariële winsten en verliezen' per de ingangsdatum, in plaats van de zogenaamde corridormethode.
25.8 Resultatenrekening per operationeel segment
| Continentaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2014 | België | VK | Europa | Azië | Algemeen | Eliminaties | Totaal |
| Baten | |||||||
| - Bruto premies |
1.523,1 | 454,1 | 306,3 | 62,9 | - 0,1 | 2.346,3 | |
| - Wijziging in niet-verdiende premies |
- 121,3 | - 8,5 | - 9,6 | - 139,4 | |||
| - Afgegeven herverzekeringspremies |
- 19,3 | - 40,1 | - 25,4 | - 5,5 | - 90,3 | ||
| Netto verdiende premies | 1.382,5 | 405,5 | 271,3 | 57,4 | - 0,1 | 2.116,6 | |
| Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten | 607,7 | 16,8 | 65,5 | 25,1 | 15,3 | - 14,4 | 716,0 |
| Ongerealiseerde winst (verlies) | |||||||
| op call optie BNP Paribas aandelen | |||||||
| Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) | |||||||
| (incl. schikking op RPN(I)/CASHES) | - 103,7 | - 103,7 | |||||
| Resultaat op verkoop en herwaarderingen | 69,9 | 1,4 | 5,6 | 2,0 | - 0,6 | 78,3 | |
| Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten | 126,1 | 300,5 | - 7,7 | 418,9 | |||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | - 0,5 | - 5,0 | 5,9 | 35,9 | - 0,1 | 36,2 | |
| Commissiebaten | 24,0 | 26,4 | 29,3 | 16,3 | 96,0 | ||
| Overige baten | 27,7 | 32,4 | 0,4 | 1,6 | 0,9 | - 3,9 | 59,1 |
| Totale baten | 2.237,4 | 477,5 | 678,5 | 130,6 | - 88,2 | - 18,4 | 3.417,4 |
| Lasten | |||||||
| - Schadelasten en uitkeringen, bruto |
- 1.500,6 | - 310,9 | - 264,3 | - 53,1 | 0,1 | - 2.128,8 | |
| - Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars |
3,7 | 30,7 | 9,9 | 2,8 | 47,1 | ||
| Schadelasten en uitkeringen, netto | - 1.496,9 | - 280,2 | - 254,4 | - 50,3 | 0,1 | - 2.081,7 | |
| Lasten inzake unit-linked contracten | - 124,9 | - 300,2 | 5,9 | - 419,2 | |||
| Financieringslasten | - 27,7 | - 3,0 | - 0,3 | - 10,2 | - 12,7 | 14,3 | - 39,6 |
| Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen | - 4,0 | - 1,0 | - 0,1 | - 5,1 | |||
| Wijzigingen in voorzieningen | - 1,2 | 0,5 | 0,1 | - 0,6 | |||
| Commissielasten | - 174,5 | - 94,7 | - 38,7 | - 21,3 | - 329,2 | ||
| Personeelskosten | - 120,8 | - 54,1 | - 17,1 | - 8,3 | - 4,7 | - 205,0 | |
| Overige lasten | - 136,0 | - 51,9 | - 24,9 | - 6,9 | - 9,2 | 4,0 | - 224,9 |
| Totale lasten | - 2.086,0 | - 483,9 | - 636,1 | - 91,2 | - 26,5 | 18,4 | - 3.305,3 |
| Resultaat voor belastingen | 151,4 | - 6,4 | 42,4 | 39,4 | - 114,7 | 112,1 | |
| Belastingbaten (lasten) | - 33,8 | 0,9 | - 5,5 | - 0,9 | - 39,3 | ||
| Nettoresultaat over de periode | 117,6 | - 5,5 | 36,9 | 38,5 | - 114,7 | 72,8 | |
| Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen | 30,2 | 12,5 | 42,7 | ||||
| Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders | 87,4 | - 5,5 | 24,4 | 38,5 | - 114,7 | 30,1 | |
| Totale baten van externe klanten | 2.234,1 | 464,2 | 678,5 | 128,7 | - 88,1 | 3.417,4 | |
| Totale baten intern | 3,3 | 13,3 | 1,9 | - 0,1 | - 18,4 | ||
| Totale baten | 2.237,4 | 477,5 | 678,5 | 130,6 | - 88,2 | - 18,4 | 3.417,4 |
| Overige niet-geldelijke lasten anders dan afschrijvingen | - 8,3 | - 13,0 | - 7,9 | - 29,2 |
Het bruto premie-inkomen (som van brutopremies en premies inzake beleggingscontracten zonder DPF) kan als volgt worden berekend.
| Continentaal | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2014 | België | VK | Europa | Azië | Algemeen | Eliminaties | Totaal | |
| Bruto premies | 1.523,1 | 454,1 | 306,3 | 62,9 | - 0,1 | 2.346,3 | ||
| Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF | 138,7 | 257,9 | 46,7 | 443,3 | ||||
| Bruto premie-inkomen | 1.661,8 | 454,1 | 564,2 | 109,6 | - 0,1 | 2.789,6 |
| Continentaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2013 | België | VK | Europa | Azië | Algemeen | Eliminaties | Totaal |
| Baten | |||||||
| - Bruto premies |
1.450,6 | 427,7 | 299,3 | 63,1 | - 0,1 | 2.240,6 | |
| - Wijziging in niet-verdiende premies |
- 116,0 | 17,3 | - 4,7 | - 103,4 | |||
| - Afgegeven herverzekeringspremies |
- 19,1 | - 38,8 | - 24,6 | - 6,3 | - 88,8 | ||
| Netto verdiende premies | 1.315,5 | 406,2 | 270,0 | 56,8 | - 0,1 | 2.048,4 | |
| Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten | 599,9 | 22,5 | 69,2 | 22,8 | 40,1 | - 17,3 | 737,2 |
| Ongerealiseerde winst (verlies) | |||||||
| op call optie BNP Paribas aandelen | - 90,0 | - 90,0 | |||||
| Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) | |||||||
| (incl. schikking op RPN(I)/CASHES) | 10,0 | 10,0 | |||||
| Resultaat op verkoop en herwaarderingen | 55,6 | 7,5 | 1,7 | - 1,3 | 63,5 | ||
| Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten | 103,7 | 205,8 | - 0,7 | 308,8 | |||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | 1,4 | 1,5 | 6,1 | 30,9 | 232,5 | - 0,4 | 272,0 |
| Commissiebaten | 26,6 | 27,6 | 33,8 | 15,5 | 103,5 | ||
| Overige baten | 23,7 | 23,8 | 0,8 | 1,1 | 0,6 | - 3,7 | 46,3 |
| Totale baten | 2.126,4 | 481,6 | 593,2 | 128,1 | 191,9 | - 21,5 | 3.499,7 |
| Lasten | |||||||
| - Schadelasten en uitkeringen, bruto |
- 1.418,0 | - 279,7 | - 273,9 | - 50,2 | 0,1 | - 2.021,7 | |
| - Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars |
5,6 | 21,7 | 9,7 | 2,2 | 39,2 | ||
| Schadelasten en uitkeringen, netto | - 1.412,4 | - 258,0 | - 264,2 | - 48,0 | 0,1 | - 1.982,5 | |
| Lasten inzake unit-linked contracten | - 104,6 | - 205,0 | - 1,4 | - 311,0 | |||
| Financieringslasten | - 24,4 | - 8,0 | - 0,6 | - 7,5 | - 41,8 | 17,3 | - 65,0 |
| Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen | - 9,7 | - 1,2 | - 0,3 | - 0,1 | 0,4 | - 10,9 | |
| Wijzigingen in voorzieningen | - 3,5 | - 0,1 | - 3,6 | ||||
| Commissielasten | - 171,4 | - 81,3 | - 34,1 | - 25,3 | 0,2 | - 311,9 | |
| Personeelskosten | - 117,7 | - 52,4 | - 17,7 | - 7,3 | - 5,4 | 0,2 | - 200,3 |
| Overige lasten | - 129,6 | - 53,7 | - 27,8 | - 9,1 | 3,7 | - 216,5 | |
| Totale lasten | - 1.973,3 | - 453,4 | - 550,7 | - 89,8 | - 56,2 | 21,7 | - 3.101,7 |
| Resultaat voor belastingen | 153,1 | 28,2 | 42,5 | 38,3 | 135,7 | 0,2 | 398,0 |
| Belastingbaten (lasten) | - 45,7 | - 5,4 | - 12,1 | - 0,8 | - 0,1 | - 64,1 | |
| Nettoresultaat over de periode | 107,4 | 22,8 | 30,4 | 37,5 | 135,6 | 0,2 | 333,9 |
| Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen | 27,8 | 13,1 | 40,9 | ||||
| Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders | 79,6 | 22,8 | 17,3 | 37,5 | 135,6 | 0,2 | 293,0 |
| Totale baten van externe klanten | 2.122,6 | 477,7 | 593,2 | 127,1 | 179,1 | 3.499,7 | |
| Totale baten intern | 3,8 | 3,9 | 1,0 | 12,8 | - 21,5 | ||
| Totale baten | 2.126,4 | 481,6 | 593,2 | 128,1 | 191,9 | - 21,5 | 3.499,7 |
| Overige niet-geldelijke lasten anders dan afschrijvingen | - 30,3 | - 9,7 | - 1,5 | - 41,5 |
Het bruto premie-inkomen (som van brutopremies en premies uit beleggingscontracten zonder DPF) kan als volgt worden berekend.
| Continentaal | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2013 | België | VK | Europa | Azië | Algemeen | Eliminaties | Totaal | |
| Bruto premies | 1.450,6 | 427,7 | 299,3 | 63,1 | - 0,1 | 2.240,6 | ||
| Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF | 182,4 | 163,5 | 41,6 | 387,5 | ||||
| Bruto premie-inkomen | 1.633,0 | 427,7 | 462,8 | 104,7 | - 0,1 | 2.628,1 |
25.9 Balans gesplitst in Leven, Niet-leven en Overige verzekeringen
| Overige | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 maart 2014 | Leven | Niet-leven | verzekeringen | Algemeen | Eliminaties | Totaal |
| Activa | ||||||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 1.405,1 | 320,0 | 40,9 | 1.173,7 | 2.939,7 | |
| Financiële beleggingen | 56.342,1 | 6.583,4 | 0,8 | 462,9 | - 11,7 | 63.377,5 |
| Vastgoedbeleggingen | 2.139,6 | 205,4 | 2.345,0 | |||
| Leningen | 4.936,2 | 336,6 | 121,0 | 1.378,1 | - 1.308,7 | 5.463,2 |
| Beleggingen inzake unit-linked contracten | 14.572,1 | - 73,3 | 14.498,8 | |||
| Beleggingen in geassocieerde deelnemingen | 1.142,2 | 382,7 | 53,0 | 7,5 | 1.585,4 | |
| Herverzekering en overige vorderingen | 693,9 | 1.285,0 | 263,9 | 76,0 | - 192,4 | 2.126,4 |
| Actuele belastingvorderingen | 35,9 | 15,9 | 2,8 | 54,6 | ||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 20,5 | 43,7 | 5,8 | 70,0 | ||
| Overlopende rente en overige activa | 1.541,6 | 616,1 | 17,8 | 46,7 | - 34,7 | 2.187,5 |
| Materiële vaste activa | 922,6 | 161,1 | 17,3 | 0,9 | 1.101,9 | |
| Goodwill en overige immateriële vaste activa | 1.002,2 | 142,8 | 254,0 | 0,1 | 1.399,1 | |
| Totaal activa | 84.754,0 | 10.092,7 | 724,3 | 3.191,4 | - 1.613,3 | 97.149,1 |
| Verplichtingen | ||||||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven | 26.731,1 | - 4,0 | 26.727,1 | |||
| Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven | 29.156,4 | 29.156,4 | ||||
| Verplichtingen inzake unit-linked contracten | 14.571,8 | 14.571,8 | ||||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven | 6.937,4 | 6.937,4 | ||||
| Schuldbewijzen | 33,3 | 33,3 | ||||
| Achtergestelde schulden | 1.089,3 | 196,0 | 120,2 | 1.548,7 | - 983,3 | 1.970,9 |
| Leningen | 2.300,7 | 142,3 | 179,4 | 181,3 | - 398,8 | 2.404,9 |
| Actuele belastingschulden | 100,7 | 28,2 | 2,1 | 0,2 | 131,2 | |
| Uitgestelde belastingschulden | 1.087,8 | 175,9 | 1.263,7 | |||
| RPN(I) | 473,8 | 473,8 | ||||
| Overlopende rente en overige verplichtingen | 1.629,6 | 701,1 | 163,4 | 86,1 | - 225,4 | 2.354,8 |
| Voorzieningen | 9,4 | 8,3 | 0,3 | 10,9 | 28,9 | |
| Verplichting inzake geschreven putoptie | 1.274,0 | 1.274,0 | ||||
| Totaal verplichtingen | 76.676,8 | 8.189,2 | 465,4 | 3.608,3 | - 1.611,5 | 87.328,2 |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 6.277,9 | 1.540,2 | 258,9 | 921,0 | - 1,8 | 8.996,2 |
| Minderheidsbelangen | 1.799,3 | 363,3 | - 1.337,9 | 824,7 | ||
| Totaal eigen vermogen | 8.077,2 | 1.903,5 | 258,9 | - 416,9 | - 1,8 | 9.820,9 |
| Totaal verplichtingen en eigen vermogen | 84.754,0 | 10.092,7 | 724,3 | 3.191,4 | - 1.613,3 | 97.149,1 |
| Aantal werknemers (FTE) | 4.820 | 4.960 | 2.583 | 117 | 12.480 |
| Overige | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 december 2013 | Leven | Niet-leven | verzekeringen | Algemeen | Eliminaties | Totaal |
| Activa | ||||||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 988,1 | 352,7 | 34,5 | 781,3 | 2.156,6 | |
| Financiële beleggingen | 54.934,9 | 6.359,3 | 0,8 | 384,3 | - 11,6 | 61.667,7 |
| Vastgoedbeleggingen | 2.137,2 | 217,3 | 2.354,5 | |||
| Leningen | 4.718,2 | 306,2 | 120,3 | 1.946,8 | - 1.307,1 | 5.784,4 |
| Beleggingen inzake unit-linked contracten | 14.170,3 | - 72,8 | 14.097,5 | |||
| Beleggingen in geassocieerde deelnemingen | 1.091,3 | 375,8 | 55,6 | 7,5 | 1.530,2 | |
| Herverzekering en overige vorderingen | 740,7 | 1.118,8 | 251,9 | 3,6 | - 95,0 | 2.020,0 |
| Actuele belastingvorderingen | 45,3 | 26,5 | 2,1 | 73,9 | ||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 22,1 | 52,2 | 5,8 | 80,1 | ||
| Overlopende rente en overige activa | 1.918,8 | 569,1 | 15,7 | 34,6 | - 22,0 | 2.516,2 |
| Materiële vaste activa | 908,6 | 162,9 | 16,4 | 1,0 | 1.088,9 | |
| Goodwill en overige immateriële vaste activa | 1.016,8 | 143,5 | 252,2 | 0,1 | 1.412,6 | |
| Totaal activa | 82.692,3 | 9.684,3 | 699,7 | 3.207,3 | - 1.501,0 | 94.782,6 |
| Verplichtingen | ||||||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven | 26.266,6 | - 3,9 | 26.262,7 | |||
| Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven | 28.792,8 | 28.792,8 | ||||
| Verplichtingen inzake unit-linked contracten | 14.170,0 | 14.170,0 | ||||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven | 6.797,2 | 6.797,2 | ||||
| Schuldbewijzen | 68,4 | 68,4 | ||||
| Achtergestelde schulden | 1.094,2 | 190,1 | 119,4 | 1.548,5 | - 981,2 | 1.971,0 |
| Leningen | 2.247,6 | 142,1 | 191,1 | 181,5 | - 398,6 | 2.363,7 |
| Actuele belastingschulden | 45,0 | 23,6 | 2,0 | 0,1 | 70,7 | |
| Uitgestelde belastingschulden | 1.032,2 | 91,8 | 1.124,0 | |||
| RPN(I) | 370,1 | 370,1 | ||||
| Overlopende rente en overige verplichtingen | 1.449,8 | 607,1 | 136,0 | 84,8 | - 115,7 | 2.162,0 |
| Voorzieningen | 16,7 | 16,9 | 0,4 | 11,0 | 45,0 | |
| Verplichting inzake geschreven putoptie | 1.255,0 | 1.255,0 | ||||
| Totaal verplichtingen | 75.114,9 | 7.868,8 | 448,9 | 3.519,4 | - 1.499,4 | 85.452,6 |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 5.865,4 | 1.497,1 | 250,8 | 913,4 | - 1,6 | 8.525,1 |
| Minderheidsbelangen | 1.712,0 | 318,4 | - 1.225,5 | 804,9 | ||
| Totaal eigen vermogen | 7.577,4 | 1.815,5 | 250,8 | - 312,1 | - 1,6 | 9.330,0 |
| Totaal verplichtingen en eigen vermogen | 82.692,3 | 9.684,3 | 699,7 | 3.207,3 | - 1.501,0 | 94.782,6 |
| Aantal werknemers (FTE) | 5.017 | 4.902 | 2.528 | 123 | 12.570 |
25.10 Resultatenrekening gesplitst in Leven, Niet-leven en Overige verzekeringen
| Overige | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2014 | Leven | Niet-leven | verzekeringen | Algemeen | Eliminaties | Totaal | ||
| Baten | ||||||||
| - Bruto premies |
1.214,4 | 1.132,0 | - 0,1 | 2.346,3 | ||||
| - Wijziging in niet-verdiende premies |
- 139,4 | - 139,4 | ||||||
| - Afgegeven herverzekeringspremies |
- 29,3 | - 61,0 | - 90,3 | |||||
| Netto verdiende premies | 1.185,1 | 931,6 | - 0,1 | 2.116,6 | ||||
| Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten | 651,0 | 68,3 | - 3,1 | 15,3 | - 15,5 | 716,0 | ||
| Ongerealiseerde winst (verlies) | ||||||||
| op call optie BNP Paribas aandelen | ||||||||
| Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) | ||||||||
| (incl. schikking op RPN(I)/CASHES) | - 103,7 | - 103,7 | ||||||
| Resultaat op verkoop en herwaarderingen | 71,6 | 7,3 | - 0,6 | 78,3 | ||||
| Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten | 418,9 | 418,9 | ||||||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | 33,4 | 2,9 | - 0,1 | 36,2 | ||||
| Commissiebaten | 64,2 | 6,5 | 36,1 | - 10,8 | 96,0 | |||
| Overige baten | 20,1 | 15,2 | 31,6 | 0,9 | - 8,7 | 59,1 | ||
| Totale baten | 2.444,3 | 1.031,8 | 64,6 | - 88,2 | - 35,1 | 3.417,4 | ||
| Lasten | ||||||||
| - Schadelasten en uitkeringen, bruto |
- 1.463,0 | - 665,9 | 0,1 | - 2.128,8 | ||||
| - Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars |
19,8 | 27,3 | 47,1 | |||||
| Schadelasten en uitkeringen, netto | - 1.443,2 | - 638,6 | 0,1 | - 2.081,7 | ||||
| Lasten inzake unit-linked contracten | - 419,2 | - 419,2 | ||||||
| Financieringslasten | - 36,6 | - 2,8 | - 2,9 | - 12,7 | 15,4 | - 39,6 | ||
| Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen | - 3,8 | - 1,3 | - 5,1 | |||||
| Wijzigingen in voorzieningen | - 0,3 | - 0,4 | 0,1 | - 0,6 | ||||
| Commissielasten | - 121,9 | - 215,2 | - 2,9 | 10,8 | - 329,2 | |||
| Personeelskosten | - 95,6 | - 79,2 | - 25,5 | - 4,7 | - 205,0 | |||
| Overige lasten | - 131,2 | - 63,9 | - 29,4 | - 9,2 | 8,8 | - 224,9 | ||
| Totale lasten | - 2.251,8 | - 1.001,4 | - 60,7 | - 26,5 | 35,1 | - 3.305,3 | ||
| Resultaat voor belastingen | 192,5 | 30,4 | 3,9 | - 114,7 | 112,1 | |||
| Belastingbaten (lasten) | - 29,3 | - 10,6 | 0,6 | - 39,3 | ||||
| Nettoresultaat over de periode | 163,2 | 19,8 | 4,5 | - 114,7 | 72,8 | |||
| Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen | 34,5 | 8,2 | 42,7 | |||||
| Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders | 128,7 | 11,6 | 4,5 | - 114,7 | 30,1 | |||
| Totale baten van externe klanten | 2.435,1 | 1.030,6 | 26,1 | - 74,4 | 3.417,4 | |||
| Totale baten intern | 9,2 | 1,2 | 38,5 | - 13,8 | - 35,1 | |||
| Totale baten | 2.444,3 | 1.031,8 | 64,6 | - 88,2 | - 35,1 | 3.417,4 | ||
| Overige niet-geldelijke lasten anders dan afschrijvingen | - 27,6 | - 1,6 | - 29,2 |
Het bruto premie-inkomen (som van brutopremies en premies uit beleggingscontracten zonder DPF) kan als volgt worden berekend.
| Overige | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2014 | Leven | Niet-leven | verzekeringen | Algemeen | Eliminaties | Totaal |
| Bruto premies | 1.214,4 | 1.132,0 | - 0,1 | 2.346,3 | ||
| Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF | 443,3 | 443,3 | ||||
| Bruto premie-inkomen | 1.657,7 | 1.132,0 | - 0,1 | 2.789,6 |
| Overige | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2013 | Leven | Niet-leven | verzekeringen | Algemeen | Eliminaties | Totaal | |
| Baten | |||||||
| - Bruto premies |
1.156,0 | 1.084,7 | - 0,1 | 2.240,6 | |||
| - Wijziging in niet-verdiende premies |
- 103,4 | - 103,4 | |||||
| - Afgegeven herverzekeringspremies |
- 27,6 | - 61,2 | - 88,8 | ||||
| Netto verdiende premies | 1.128,4 | 920,1 | - 0,1 | 2.048,4 | |||
| Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten | 645,3 | 73,0 | - 3,0 | 40,1 | - 18,2 | 737,2 | |
| Ongerealiseerde winst (verlies) | |||||||
| op call optie BNP Paribas aandelen | - 90,0 | - 90,0 | |||||
| Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) | |||||||
| (incl. schikking op RPN(I)/CASHES) | 10,0 | 10,0 | |||||
| Resultaat op verkoop en herwaarderingen | 58,1 | 6,7 | - 1,3 | 63,5 | |||
| Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten | 308,8 | 308,8 | |||||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | 28,9 | 11,0 | 232,5 | - 0,4 | 272,0 | ||
| Commissiebaten | 70,4 | 6,3 | 39,3 | - 12,5 | 103,5 | ||
| Overige baten | 16,5 | 15,9 | 21,7 | 0,6 | - 8,4 | 46,3 | |
| Totale baten | 2.256,4 | 1.033,0 | 58,0 | 191,9 | - 39,6 | 3.499,7 | |
| Lasten | |||||||
| - Schadelasten en uitkeringen, bruto |
- 1.392,9 | - 628,9 | 0,1 | - 2.021,7 | |||
| - Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars |
15,6 | 23,6 | 39,2 | ||||
| Schadelasten en uitkeringen, netto | - 1.377,3 | - 605,3 | 0,1 | - 1.982,5 | |||
| Lasten inzake unit-linked contracten | - 311,0 | - 311,0 | |||||
| Financieringslasten | - 30,0 | - 8,4 | - 3,0 | - 41,8 | 18,2 | - 65,0 | |
| Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen | - 9,3 | - 1,9 | - 0,1 | 0,4 | - 10,9 | ||
| Wijzigingen in voorzieningen | - 2,3 | - 1,3 | - 3,6 | ||||
| Commissielasten | - 125,4 | - 198,1 | - 1,0 | 0,2 | 12,4 | - 311,9 | |
| Personeelskosten | - 95,2 | - 76,0 | - 24,0 | - 5,4 | 0,3 | - 200,3 | |
| Overige lasten | - 119,9 | - 70,4 | - 25,5 | - 9,1 | 8,4 | - 216,5 | |
| Totale lasten | - 2.070,4 | - 961,4 | - 53,5 | - 56,2 | 39,8 | - 3.101,7 | |
| Resultaat voor belastingen | 186,0 | 71,6 | 4,5 | 135,7 | 0,2 | 398,0 | |
| Belastingbaten (lasten) | - 45,6 | - 17,5 | - 0,9 | - 0,1 | - 64,1 | ||
| Nettoresultaat over de periode | 140,4 | 54,1 | 3,6 | 135,6 | 0,2 | 333,9 | |
| Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen | 32,3 | 8,6 | 40,9 | ||||
| Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders | 108,1 | 45,5 | 3,6 | 135,6 | 0,2 | 293,0 | |
| Totale baten van externe klanten | 2.247,6 | 1.199,3 | 25,6 | 193,5 | 3.666,0 | ||
| Totale baten intern | 8,8 | 1,1 | 32,4 | - 1,6 | - 40,7 | ||
| Totale baten | 2.256,4 | 1.200,4 | 58,0 | 191,9 | - 40,7 | 3.666,0 | |
| Overige niet-geldelijke lasten anders dan afschrijvingen | - 37,8 | - 3,7 | - 41,5 |
Het bruto premie-inkomen (som van brutopremies en premies uit beleggingscontracten zonder DPF) kan als volgt worden berekend.
| Overige | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2013 | Leven | Niet-leven | verzekeringen | Algemeen | Eliminaties | Totaal |
| Bruto premies | 1.156,0 | 1.084,7 | - 0,1 | 2.240,6 | ||
| Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF | 387,5 | 387,5 | ||||
| Bruto premie-inkomen | 1.543,5 | 1.084,7 | - 0,1 | 2.628,1 |
25.11 Operationeel resultaat Verzekeringen
Voor de analyse van de verzekeringsresultaten maakt Ageas gebruik van het concept operationeel resultaat en resultaat voor belastingen.
Het operationeel resultaat omvat de verdiende premies, commissies en gealloceerde financiële opbrengsten, na aftrek van schadelasten, uitkeringen en operationele lasten. De gerealiseerde winsten en verliezen op beleggingen die bepaalde verzekeringsverplichtingen afdekken, zoals gesepareerde fondsen, maken deel uit van het gealloceerde financiële resultaat. Het beleggingsresultaat, na aftrek van de samenhangende beleggingskosten, wordt gealloceerd naar de diverse Leven en Niet-Leven branches gebaseerd op de beleggingsportefeuilles die de verplichtingen van deze branches afdekken.
De gerealiseerde en ongerealiseerde winsten en verliezen op de beleggingen, die verantwoord worden in de resultatenrekening en die de verzekeringsverplichting afdekken voor de verschillende activiteiten, worden opgenomen in het operationele resultaat.
De afstemming van het operationele resultaat naar de winst voor belastingen omvat alle opbrengsten en kosten die niet onder de verzekerings- en beleggingscontracten worden verantwoord en derhalve ook niet in het operationele resultaat.
Binnen de diverse verzekeringssegmenten worden de Leven- en Niet-Levenactiviteiten afzonderlijk beheerd. Tot de Levenactiviteiten behoren onder meer verzekeringscontracten die risico's dekken gerelateerd aan leven en overlijden van personen. Het levenbedrijf omvat daarnaast beleggingscontracten met en zonder discretionaire winstdeling (DPF). De Niet-Levenactiviteiten bestaan uit vier onderdelen: Ongevallen- en Ziekteverzekeringen, Autoverzekeringen, Brandverzekeringen en Overige schade aan eigendommen (die het risico dekken van schade aan eigendommen dan wel verplichtingen inzake claims) en Overige verzekeringen.
Het operationele resultaat voor de verschillende segmenten en productlijnen en de reconciliatie met de winst voor belastingen wordt hieronder getoond.
| Continentaal | Totaal | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2014 | België | VK | Europa | Azië | Algemeen | Eliminaties | Ageas |
| Bruto premie-inkomen Leven | 1.078,6 | 31,0 | 438,5 | 109,6 | - 0,1 | 1.657,6 | |
| Bruto premie-inkomen Niet-Leven | 583,2 | 423,1 | 125,7 | 1.132,0 | |||
| Operationele kosten | - 129,1 | - 51,6 | - 35,5 | - 11,3 | - 227,5 | ||
| - Gegarandeerde producten |
107,4 | 0,1 | 20,0 | 9,0 | 136,5 | ||
| - Unit linked producten |
3,6 | 3,9 | - 1,5 | 6,0 | |||
| Operationeel resultaat Leven | 111,0 | 0,1 | 23,9 | 7,5 | 142,5 | ||
| - Ongevallen en ziekte |
7,2 | 0,7 | 8,9 | 16,8 | |||
| - Auto |
14,3 | 7,9 | 22,2 | ||||
| - Brand en overige schade aan eigendommen |
5,7 | - 9,5 | - 2,1 | - 5,9 | |||
| - Overig |
- 6,2 | - 5,6 | 1,8 | - 10,0 | |||
| Operationeel resultaat Niet-Leven | 21,0 | - 6,5 | 8,6 | 23,1 | |||
| Operationeel resultaat | 132,0 | - 6,4 | 32,5 | 7,5 | 165,6 | ||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde | |||||||
| deelnemingen, niet gealloceerd | - 5,0 | 6,0 | 36,4 | - 0,1 | 37,3 | ||
| Overig niet-technisch resultaat, inclusief brokerage | 19,4 | 5,0 | 3,9 | - 4,5 | - 114,6 | - 90,8 | |
| Resultaat voor belastingen | 151,4 | - 6,4 | 42,4 | 39,4 | - 114,7 | 112,1 | |
| Key performance indicators Leven | |||||||
| Netto onderschrijvingsmarge | 0,07% | 0,25% | 0,27% | 1,40% | 0,15% | ||
| Beleggingsmarge | 0,78% | 0,00% | 0,41% | 0,10% | 0,68% | ||
| Operationele marge | 0,85% | 0,25% | 0,68% | 1,50% | 0,83% | ||
| - Operationele marge Gegarandeerde producten | 0,92% | 0,25% | 1,05% | 2,70% | 0,97% | ||
| - Operationele marge Unit - linked producten | 0,26% | 0,24% | -0,88% | 0,19% | |||
| Operationele kosten Leven in % van het gemiddeld | |||||||
| beheerd vermogen Leven | 0,38% | 17,01% | 0,43% | 2,26% | 0,48% | ||
| Key performance indicators Niet-Leven | |||||||
| Lasten ratio | 37,5% | 33,8% | 29,6% | 35,1% | |||
| Schade ratio | 63,9% | 72,3% | 65,2% | 67,5% | |||
| Combined ratio | 101,4% | 106,1% | 94,8% | 102,6% | |||
| Operationele marge | 4,7% | -1,7% | 8,6% | 2,5% | |||
| Technische voorzieningen | 57.643,5 | 2.748,1 | 14.989,6 | 2.015,5 | - 4,0 | 77.392,7 |
Toelichting op de transactie niet opgenomen op de Geconsolideerde Balans
| Continentaal | Totaal | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eerste drie maanden 2013 | België | VK | Europa | Azië | Algemeen | Eliminaties | Ageas |
| Bruto premie-inkomen Leven | 1.068,3 | 25,0 | 345,5 | 104,7 | - 0,1 | 1.543,4 | |
| Bruto premie-inkomen Niet-Leven | 564,7 | 402,7 | 117,3 | 1.084,7 | |||
| Operationele kosten | - 123,0 | - 53,0 | - 36,7 | - 10,7 | - 223,4 | ||
| - Gegarandeerde producten |
88,7 | - 0,8 | 17,2 | 9,6 | 114,7 | ||
| - Unit linked producten |
5,8 | 8,3 | 0,3 | 14,4 | |||
| Operationeel resultaat Leven | 94,5 | - 0,8 | 25,5 | 9,9 | 129,1 | ||
| - Ongevallen en ziekte |
14,8 | 0,7 | 6,7 | 22,2 | |||
| - Auto |
5,4 | 12,0 | 0,3 | 17,7 | |||
| - Brand en overige schade aan eigendommen |
3,6 | 10,0 | - 2,3 | 11,3 | |||
| - Overig |
3,3 | - 0,9 | 1,8 | 4,2 | |||
| Operationeel resultaat Niet-Leven | 27,1 | 21,8 | 6,5 | 55,4 | |||
| Operationeel resultaat | 121,7 | 21,0 | 31,9 | 9,9 | 184,5 | ||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde | |||||||
| deelnemingen, niet gealloceerd | 1,5 | 6,2 | 31,6 | 232,5 | 271,8 | ||
| Overig niet-technisch resultaat, inclusief brokerage | 31,4 | 5,7 | 4,4 | - 3,2 | - 96,8 | 0,2 | - 58,3 |
| Resultaat voor belastingen | 153,1 | 28,2 | 42,5 | 38,3 | 135,7 | 0,2 | 398,0 |
| Key performance indicators Leven | |||||||
| Netto onderschrijvingsmarge | 0,04% | -3,45% | 0,30% | 1,41% | 0,13% | ||
| Beleggingsmarge | 0,69% | 0,42% | 0,70% | 0,63% | |||
| Operationele marge | 0,73% | -3,45% | 0,72% | 2,11% | 0,76% | ||
| - Operationele marge Gegarandeerde producten | 0,77% | -3,45% | 0,89% | 2,92% | 0,83% | ||
| - Operationele marge Unit - linked producten | 0,44% | 0,52% | 0,19% | 0,47% | |||
| Operationele kosten Leven in % van het gemiddeld | |||||||
| beheerd vermogen Leven | 0,37% | 68,20% | 0,51% | 2,29% | 0,50% | ||
| Key performance indicators Niet-Leven | |||||||
| Lasten ratio | 36,8% | 32,5% | 28,9% | 34,1% | |||
| Schade ratio | 62,9% | 66,1% | 67,8% | 64,8% | |||
| Combined ratio | 99,7% | 98,6% | 96,7% | 98,9% | |||
| Operationele marge | 6,3% | 5,6% | 6,5% | 6,0% | |||
| Technische voorzieningen | 56.640,0 | 2.583,9 | 15.047,7 | 1.947,8 | - 2,7 | 76.216,7 |
| Schaderatio | : de kosten van schade, na herverzekering, exclusief interne schadeafhandelingskosten, als percentage van de |
|---|---|
| netto verdiende premies. | |
| Lastenratio | : de lasten als percentage van de verdiende premies netto na herverzekering. De lasten zijn inclusief de interne |
| schadeafhandelingskosten vermeerderd met nettocommissies ten laste van het boekjaar, minus interne | |
| beleggingskosten. | |
| Combined ratio | : de som van schade- en lastenratio. |
26 Voorwaardelijke verplichtingen
26.1 Voorwaardelijke verplichtingen gerelateerd aan gerechtelijke procedures
Ageas is, zoals vele andere financiële instellingen, gedaagde met betrekking tot een aantal vorderingen, geschillen en rechtszaken die een gevolg zijn van de normale bedrijfsuitoefening.
Bovendien, als gevolg van de gebeurtenissen en ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden met betrekking tot de voormalige Fortis-groep tussen mei 2007 en oktober 2008 (o.a. acquisitie van delen van ABN AMRO en kapitaalverhoging in oktober 2007, aankondiging van het versnelde solvabiliteitsplan in juni 2008, desinvestering van de bankactiviteiten en de Nederlandse verzekeringsactiviteiten in september/oktober 2008) is Ageas betrokken of kan worden betrokken bij een aantal juridische procedures en een strafrechtelijke procedure in België.
Ageas ontkent dat het foutief gehandeld zou hebben en zal elke aantijging voor de rechtbank betwisten. Dergelijke juridische acties tegen Ageas kunnen echter, indien succesvol, uiteindelijk een grote financiële impact op Ageas hebben. Op dit moment is het evenwel niet mogelijk te beoordelen wat de kans van slagen is van die acties, noch de schadevergoeding te kwantificeren die betaald zou moeten worden als deze acties succesvol zouden zijn.
Zoals vermeld in diverse persberichten eerder uitgegeven door Ageas en in het jaarverslag 2013, werden definitieve beslissingen genomen in rechtszaken met betrekking tot vermeend wanbeleid en de AFM boetes betreffende juni 2008; geen van deze rechtszaken leidde tot een beslissing over mogelijk financiële compensatie die het voorwerp van debat is in lopende procedures. Bijkomende AFM boetes betreffende september 2007 werden vernietigd, en deze procedures zijn definitief afgerond.
Administratieve procedure in België
De Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) heeft een onderzoek ingesteld inzake Fortis' externe communicatie in het tweede kwartaal van 2008. Op 17 juni 2013 besliste de sanctiecommissie dat Fortis in de periode mei-juni 2008 te laat of onjuist gecommuniceerd heeft over de voorwaarden die haar door de Europese Commissie waren opgelegd in het kader van de overname van ABN AMRO, over haar in het vooruitzicht gestelde solvabiliteit na de volledige integratie van ABN AMRO en over het succes van de NITSH II uitgifte. Daarom legde de sanctiecommissie Ageas een boete op van EUR 500.000. Ageas tekende beroep aan tegen deze beslissing bij het Hof van Beroep in Brussel.
Strafprocedure in België
In België loopt een strafprocedure naar aanleiding van de gebeurtenissen vermeld in de inleiding van dit hoofdstuk. In november 2012 werden een aantal personen in verdenking gesteld door de onderzoeksrechter. In februari 2013 heeft de procureur des Konings de Raadkamer verzocht een aantal personen te verwijzen naar de correctionele rechtbank. Daar verschillende betrokken partijen om aanvullend onderzoek hebben gevraagd en dit verzoek is gehonoreerd, is de hoorzitting voor de Raadkamer uitgesteld naar een nog niet bepaalde datum.
Negatieve bevindingen in de administratieve procedure en/of de strafprocedure kunnen een impact hebben op bestaande juridische procedures en kunnen leiden tot nieuwe procedures tegen Ageas, met inbegrip van aanspraken op schadevergoeding.
Juridische procedures ingesteld door aandeelhouders of aandeelhoudersverenigingen
Deze procedures in België en Nederland (i) houden (in)direct verband met de transacties in september/oktober 2008 of (ii) beogen de betaling van een schadevergoeding wegens vermeende misleidende communicatie en/of marktmisbruik waaraan Fortis zich schuldig zou hebben gemaakt tussen mei 2007 en oktober 2008.
In Nederland
Op 19 januari 2011 heeft de VEB een procedure ingeleid voor de rechtbank van Amsterdam met het verzoek vast te stellen dat diverse mededelingen door Fortis tussen september 2007 en 3 oktober 2008 een schending van het recht vormen door Fortis en door sommige voormalige bestuurders en topmanagers. De VEB kwalificeert elk van deze overtredingen als een onrechtmatige daad van alle of sommige verweerders en stelt dat deze verweerders bijgevolg aansprakelijk zijn voor de schade geleden door een ieder die aandelen kocht gedurende de relevante periode. Onder meer beweert VEB (ten aanzien van Fortis, sommige vroegere bestuurders en topmanagers en ten aanzien van de financiële instellingen die tijdens de kapitaalverhoging zijn opgetreden als zgn. global coördinators en lead managers) dat de informatie over de positie en de blootstelling van Fortis in relatie tot de 'subprime' situatie in het prospectus van 24 september 2007 voor de kapitaalverhoging die plaatsvond op 9 oktober 2007, onjuist en onvolledig was.
Stichting FortisEffect en een aantal personen vertegenwoordigd door Mr. De Gier hebben voor het Gerechtshof van Amsterdam beroep aangetekend tegen het vonnis van de rechtbank van Amsterdam van 18 mei 2011. Dit vonnis verwierp de vordering van de Stichting tot het ongeldig verklaren van de besluiten van de Raad van Bestuur van Fortis in oktober 2008 en de nietigverklaring van de transacties, of de betaling van schadevergoeding als alternatief.
Een aantal personen vertegenwoordigd door Mr. Bos eisen schadevergoeding op grond van beweerde communicatiefouten in 2008. De rechtbank van Utrecht oordeelde op 15 februari 2012 dat Fortis en twee medegedaagden (de voormalige CEO en de voormalige financiële topman) misleidende informatie hebben openbaar gemaakt in de periode tussen 22 mei en 26 juni 2008. De rechtbank vonniste verder dat in een afzonderlijke procedure moet worden beoordeeld of de eisers schade hebben geleden en, in voorkomend geval, de hoogte ervan. In deze context hebben sommige voormalige bestuurders en topmanagers van Fortis de rechter gevraagd de beweerde verplichting van Ageas te erkennen om die personen te vrijwaren tegen schade die zou voortvloeien uit of verband zou houden met de juridische procedures tegen hen uit hoofde van de functies die zij binnen de Fortis groep uitoefenden. Voor het Gerechtshof van Arnhem is beroep aangetekend tegen het vonnis van de rechtbank van Utrecht. In de beroepsprocedure vordert Mr. Bos ook schadevergoeding wegens vermeende misleidende communicatie in 2007 over Fortis' subprime blootstelling.
Op 7 juli 2011 heeft de Nederlandse stichting 'Stichting Investor Claims Against Fortis' (SICAF) een procedure ingeleid voor de rechtbank van Utrecht op grond van beweerde communicatiefouten door Fortis gedurende de periode 2007-2008. Onder meer beweert de Stichting (ten aanzien van Fortis en twee financiële instellingen) dat de informatie over de positie en de blootstelling van Fortis in relatie tot de 'subprime' situatie in het prospectus van 24 september 2007 voor de kapitaalverhoging die plaatsvond op 9 oktober 2007, onjuist en onvolledig was.
Op 3 augustus 2012 heeft dezelfde SICAF, namens en samen met een aantal geïdentificeerde (voormalige) aandeelhouders, een tweede procedure voor de Rechtbank van Utrecht aangespannen tegen dezelfde partijen en bepaalde voormalige Fortis bestuurders en topmanagers, waarbij schadevergoeding wordt gevorderd. De aantijgingen in deze tweede procedure zijn grotendeels gelijk aan de eerste procedure. Aanvullend beweren de eisers dat Fortis in de periode 2007 en 2008 tekortgeschoten is in haar solvabiliteitsbeleid. Momenteel is het onduidelijk of beide procedures zullen worden samengevoegd.
In België
Een aantal personen vertegenwoordigd door Mr. Modrikamen heeft op 28 januari 2009 een procedure ingeleid voor de Rechtbank van Koophandel in Brussel waarbij oorspronkelijk de vernietiging van de verkoop van ASR aan de Nederlandse staat en de verkoop van Fortis Bank aan de FPIM (en vervolgens aan BNP Paribas) dan wel schadevergoeding werd geëist. Op 8 december 2009 besliste de rechtbank onder meer dat zij niet bevoegd is voor de vorderingen tegen de Nederlandse verweerders. Op 17 januari 2013 bevestigde het Hof van Beroep dit vonnis op dit punt. Tot op heden wordt de procedure ten gronde voor de Rechtbank van Koophandel voortgezet inzake de verkoop van Fortis Bank waarbij de betaling van een schadevergoeding door BNP Paribas aan Ageas en door Ageas aan de eisers wordt nagestreefd.
Een aantal personen rond Deminor International heeft op 13 januari 2010 een procedure ingeleid voor de Rechtbank van Koophandel in Brussel, waarbij ze schadevergoeding nastreven op grond van beweerde onvolledige of misleidende informatieverstrekking door Fortis in de periode mei 2007 tot oktober 2008.
Op 12 september 2012 hebben een (voormalige) Fortis aandeelhouder en de moedermaatschappij ervan een procedure aangespannen voor de Rechtbank van Koophandel in Brussel, waarbij schadevergoeding wordt gevorderd op basis van het beweerde gebrek aan of misleidende informatie van Fortis in de context van de kapitaalverhoging in 2007.
Op 29 april 2013 heeft een aantal personen vertegenwoordigd door Mr. Arnauts een procedure ingeleid voor de Rechtbank van Koophandel in Brussel, waarbij ze schadevergoeding nastreven op grond van beweerde onvolledige of misleidende informatieverstrekking door Fortis in 2007 en 2008. Op 25 juni 2013 werd een gelijkaardige procedure gestart voor dezelfde rechtbank door twee aandeelhouders. Op 19 september 2013 werd een gelijkaardige burgerlijke procedure gestart voor de Rechtbank van Eerste Aanleg in Brussel door een aantal (voormalige) aandeelhouders van Fortis, vertegenwoordigd door Mr Lenssens.
Procedure ingesteld door houders van Mandatory Convertible Securities (MCS)
De MCS uitgegeven in 2007 door Fortis Bank Nederland (Holding) N.V. (nu ABN AMRO Bank N.V.), samen met BNP Paribas Fortis SA/NV, ageas SA/NV en ageas N.V., werden verplicht geconverteerd op 7 december 2010 in 106.723.569 aandelen Ageas. Vóór 7 december 2010 beslisten een aantal MCS houders eenzijdig op een algemene vergadering van MCS houders om de vervaldag van de MCS uit te stellen tot 7 december 2030. De gevolgen van deze beslissing werden evenwel opgeschort door de Voorzitter van de Rechtbank van Koophandel te Brussel op verzoek van Ageas. Na 7 december 2010 hebben de voormelde MCS houders de geldigheid van de conversie van de MCS aangevochten. Zij eisten de vernietiging van de conversie dan wel een schadevergoeding voor een bedrag van EUR 1,75 miljard. Op 23 maart 2012 heeft de Rechtbank van Koophandel te Brussel Ageas in het gelijk gesteld en alle eisen van de voormalige MCShouders afgewezen. De omzetting van de MCS in door Ageas uitgegeven aandelen op 7 december 2010 blijft dus rechtsgeldig en er is geen schadevergoeding verschuldigd. Een aantal voormalige MCS houders heeft beroep aangetekend tegen dit vonnis, waarbij een voorlopige schadevergoeding van EUR 350 miljoen en de aanstelling van een expert wordt gevorderd.
Procedures geïnitieerd door RBS
Op 1 april 2014 heeft Royal Bank of Scotland (RBS) twee procedures tegen Ageas en andere partijen ingeleid: (i) een procedure voor de Rechtbank van Koophandel te Brussel waar RBS aanspraak maakt op een bedrag van EUR 75 miljoen op basis van een vermeende garantie die door Fortis zou zijn verstrekt in 2007 in het kader van een aandelentransactie tussen ABN AMRO Bank (nu RBS) en Mellon en (ii) een arbitrageprocedure voor het ICC in Parijs waar RBS aanspraak maakt op een totaalbedrag van EUR 135 miljoen, te weten de vermeende garantie van EUR 75 miljoen vermeerderd met EUR 60 miljoen op basis van een "escrow" arrangement.
Vrijwaringsbedingen
In 2008 hebben de moedermaatschappijen van Fortis aan sommige voormalige topmanagers en bestuurders, bij hun vertrek, een contractuele vrijwaring verleend voor juridische kosten, en in sommige gevallen ook voor de financiële gevolgen van een eventuele gerechtelijke uitspraak in het geval dat tegen deze personen een rechtszaak zou worden aangespannen in verband met hun mandaat binnen de onderneming. Ageas betwist de geldigheid van deze contractuele vrijwaringsbedingen voor zover ze betrekking hebben op de financiële gevolgen van een eventuele gerechtelijke uitspraak.
Voorts heeft Ageas, zoals gebruikelijk bij dat soort transacties, overeenkomsten afgesloten met een aantal financiële instellingen die de plaatsing van Fortis aandelen faciliteerden tijdens de kapitaalverhogingen van 2007 en 2008. Deze overeenkomsten bevatten vrijwaringsbedingen die onder bepaalde voorwaarden voor Ageas verplichtingen tot schadeloosstelling impliceren. Sommige van die financiële instellingen zijn betrokken in de in dit hoofdstuk beschreven juridische procedures.
Algemene opmerkingen
Gezien het feit dat geen van de door de rechtbanken benoemde experts argumenten hebben aangedragen die een nietigverklaring (of gedeeltelijke nietigverklaring) zou kunnen onderbouwen of rechtvaardigen van de beslissingen van de Raad van Bestuur van Fortis in september/oktober 2008 en de daaruit voortvloeiende overeenkomsten en transacties en dat het de rechtbank van Amsterdam in twee vonnissen van 18 mei 2011 de eisen van VEB/Deminor en Stichting FortisEffect met betrekking tot deze transacties afwees, acht het management van Ageas het onwaarschijnlijk dat de in deze noot beschreven procedures zullen leiden tot een nietigverklaring van deze transacties.
Zonder afbreuk te doen aan specifieke commentaren die hierboven werden gegeven en gezien de verschillende fases en het continu veranderende karakter alsook de inherente onzekerheden en complexiteit van de lopende procedures is het management op dit ogenblik niet in staat om hun merites en gevolgen in te schatten en te bepalen, of de vorderingen tegen Ageas ongegrond zijn of succesvol kunnen worden verdedigd en of deze vorderingen al dan niet zullen resulteren in een significant verlies in het geconsolideerd tussentijds financieel verslag van Ageas. Om die reden worden er geen voorzieningen aangehouden. Ageas zal voorzieningen boeken indien en op het ogenblik dat het naar de mening van het management en de Raad van Bestuur, in overleg met de juridische adviseurs, waarschijnlijk is dat Ageas een betaling zal moeten doen en het bedrag ervan redelijkerwijze kan worden geschat.
Indien een van deze procedures negatieve gevolgen voor Ageas zou hebben of zou leiden tot de toekenning van een schadevergoeding aan de eisers in verband met miscommunicatie of wanbeheer van de kant van Fortis, dan kan dat belangrijke gevolgen hebben voor de financiële positie van Ageas. Die gevolgen zijn op dit moment niet kwantificeerbaar.
Op basis van de conclusies uit bepaalde in deze noot beschreven gerechtelijke uitspraken hebben de verzekeraars van de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering en van de prospectusaansprakelijkheidsverzekering, die de potentiële risico's verzekeren van Ageas en haar bestuurders en functionarissen uit hoofde van de aansprakelijkheidsclaims in de verschillende lopende procedures, laten weten dat deze conclusies zouden kunnen leiden tot een verlies aan verzekeringsdekking uit hoofde van deze polissen. Ageas is het oneens met deze mening die op dit moment onderwerp is van discussie met de verzekeraars.
26.2 Voorwaardelijke verplichtingen inzake hybride instrumenten van voormalige dochterondernemingen
De voormalige werkmaatschappijen van Ageas hebben een aantal hybride instrumenten uitgegeven die leiden tot voorwaardelijke verbintenissen voor ageas SA/NV, omdat deze voormalige moedermaatschappij optrad als garant, codebiteur of een andere ondersteunende overeenkomst tekenden. In de volgende paragrafen worden de voorwaardelijke verplichtingen beschreven die aan deze instrumenten zijn verbonden.
1. CASHES
De CASHES (Convertible And Subordinated Hybrid Equity-linked Securities) vertegenwoordigen 4.447 obligaties voor een totaal nominaalbedrag van EUR 1.112 miljoen, uitgegeven door BNP Paribas Fortis SA/NV, met ageas SA/NV als medeschuldenaar.
De obligaties hebben geen vervaldatum en kunnen niet in contanten worden uitbetaald, maar kunnen alleen worden ingewisseld tegen aandelen Ageas. De CASHES worden automatisch omgezet in aandelen Ageas als de koers van het aandeel Ageas gedurende twintig achtereenvolgende beurswerkdagen gelijk is aan of hoger is dan EUR 359,10 (de slotkoers van het aandeel bedroeg per 31 maart 2014, EUR 32,40). De obligaties kunnen ook naar keuze van de obligatiehouder worden omgezet in aandelen Ageas tegen een koers van EUR 239,40 per aandeel. BNP Paribas Fortis SA/NV bezit 4.643.904 aandelen Ageas met het oog op de mogelijke wissel.
De enige verhaalmogelijkheid van de houders van de CASHES tegen elk van de mededebiteuren met betrekking tot de hoofdsom zijn de Ageas aandelen die BNP Paribas Fortis SA/NV aanhoudt; deze aandelen zijn ten gunste van die houders verpand.
BNP Paribas Fortis SA/NV betaalt de coupon per kwartaal tegen een variabele rente van driemaands Euribor + 2%, tot de omwisseling van de CASHES in aandelen Ageas. In het geval dat geen dividend wordt betaald op aandelen Ageas, of dat het vast te stellen dividend met betrekking tot een boekjaar onder de drempel ligt (dividendrendement < 0,5%), of in bepaalde andere omstandigheden, zal de betaling van coupons plaatsvinden in overeenstemming met de zogenaamde Alternative Coupon Settlement Method (ACSM), terwijl BNP Paribas Fortis SA/NV dan aan Ageas instrumenten dient uit te geven die als hybride Tier 1 instrumenten kunnen worden aangemerkt als compensatie voor de coupons die werden betaald door ageas SA/NV. Als de ACSM in werking treedt en het beschikbare toegestane maatschappelijke kapitaal ontoereikend is om ageas SA/NV in staat te stellen de ACSM-verplichting na te komen, wordt de couponbetaling opgeschort tot het moment dat de uitgifte van nieuwe aandelen weer mogelijk is.
2. BNP Paribas Fortis SA/NV Tier 1-obligatielening 2004
BNP Paribas Fortis SA/NV heeft in 2004 een eeuwigdurende lening ter waarde van EUR 1.000 miljoen uitgegeven, met een Support Agreement aangegaan door de vroegere Fortis moedermaatschappijen, nu ageas SA/NV, tegen een coupon van 4,625% tot 27 oktober 2014 en driemaands Euribor + 1,70% daarna.
De Support Agreement van de moedermaatschappij houdt in dat, indien de solvabiliteit van BNP Paribas Fortis SA/NV beneden een bepaalde drempelwaarde komt of indien BNP Paribas Fortis SA/NV daarvoor kiest, de coupon wordt voldaan volgens de zogenaamde Alternative Coupon Settlement Method (ACSM). BNP Paribas Fortis SA/NV zou in dat geval ageas SA/NV moeten compenseren door uitgifte van nieuwe aandelen.
26.3 Overige Voorwaardelijke verplichtingen
Samen met BGL BNP Paribas heeft Ageas Insurance International N.V. een garantie verstrekt aan Cardif Lux Vie S.A. tot EUR 100 miljoen om uitstaande juridische vorderingen te dekken met betrekking tot Fortis Lux Vie S.A., een voormalige dochtermaatschappij van Ageas die eind 2011 is gefuseerd met Cardif Lux International S.A. (zie ook noot 2 Overnames en desinvesteringen).
27 Derivaten
Ageas gebruikt derivaten voornamelijk om alle rente-, aandelenen valutarisico's te beheersen. Derivaten worden in principe verantwoord als handelsderivaten tenzij een afdekkingsrelatie met een open positie op de juiste wijze is gedocumenteerd. In dat geval worden derivaten verantwoord als hedging derivaten.
Wijzigingen in de reële waarde van handelsderivaten worden in de resultatenrekening verantwoord. Wijzigingen in de reële waarde van hedging derivaten worden verantwoord in het Overzicht van comprehensive income met de wijziging in de reële waarde van de afgedekte positie.
In bepaalde situaties worden de wijzigingen in de reële waarde van het derivaat en de afgedekte positie beide opgenomen in de resultatenrekening. In dat geval wordt geen afdekkingsdocumentatie opgesteld en worden de derivaten verwerkt als voor handelsdoeleinden aangehouden.
Toelichting op de transactie niet opgenomen op de Geconsolideerde Balans
Handelsderivaten
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Reële waarde | Reële waarde | |||||
| Nominale | Nominale | |||||
| Activa | Passiva | waarde | Activa | Passiva | waarde | |
| Vreemde valuta contracten | ||||||
| Forwards en futures | 4,3 | 4,7 | 1.090,4 | 5,2 | 0,1 | 687,0 |
| Swaps | 1,2 | 1,3 | 0,9 | 0,9 | ||
| Totaal | 4,3 | 5,9 | 1.091,7 | 5,2 | 1,0 | 687,9 |
| Rentecontracten | ||||||
| Swaps | 3,3 | 6,3 | 555,6 | 3,6 | 4,5 | 402,2 |
| Opties | 0,5 | 1.170,0 | 1,6 | 1.170,0 | ||
| Totaal | 3,8 | 6,3 | 1.725,6 | 5,2 | 4,5 | 1.572,2 |
| Effecten/Index contracten | ||||||
| Opties en warrants | 8,2 | 1,2 | 155,1 | 0,0 | ||
| Totaal | 8,2 | 1,2 | 155,1 | 0,0 | ||
| Overige | 3,7 | 78,5 | 4,0 | 119,4 | ||
| Totaal | 20,0 | 13,4 | 3.050,9 | 14,4 | 5,5 | 2.379,5 |
| Reële waarden ondersteund door waarneembare marktgegevens | 16,3 | 13,4 | 3,7 | 1,0 | ||
| Reële waarden verkregen door gebruik van een waarderingsmodel | 3,7 | 10,7 | 4,5 | |||
| Totaal | 20,0 | 13,4 | 14,4 | 5,5 | ||
| Over the counter (OTC) | 19,9 | 13,4 | 3.050,9 | 14,4 | 5,5 | 2.379,5 |
| Exchange traded | 0,1 | |||||
| Totaal | 20,0 | 13,4 | 3.050,9 | 14,4 | 5,5 | 2.379,5 |
Hedging derivaten
| 31 maart 2014 | 31 december 2013 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Reële waarde | Reële waarde | |||||
| Nominale | Nominale | |||||
| Activa | Passiva | waarde | Activa | Passiva | waarde | |
| Vreemde valuta contracten | ||||||
| Swaps | 0,1 | 4,5 | 346,9 | 0,3 | 3,7 | 347,1 |
| Totaal | 0,1 | 4,5 | 346,9 | 0,3 | 3,7 | 347,1 |
| Rentecontracten | ||||||
| Forwards en futures | 11,1 | 1,4 | 514,9 | 14,4 | 507,6 | |
| Swaps | 0,1 | 20,4 | 326,5 | 0,1 | 19,5 | 329,0 |
| Opties | 0,7 | 82,2 | 1,1 | 82,2 | ||
| Totaal | 11,9 | 21,8 | 923,6 | 1,2 | 33,9 | 918,8 |
| Totaal | 12,0 | 26,3 | 1.270,5 | 1,5 | 37,6 | 1.265,9 |
| Reële waarden op basis van een waarderingsmodel | 12,0 | 26,3 | 1,5 | 37,6 | ||
| Totaal | 12,0 | 26,3 | 1,5 | 37,6 | ||
| Over the counter (OTC) | 12,0 | 26,3 | 1.270,5 | 1,5 | 37,6 | 1.265,9 |
| Totaal | 12,0 | 26,3 | 1.270,5 | 1,5 | 37,6 | 1.265,9 |
Derivaten worden gewaardeerd op niveau 2 (waarneembare gegevens op basis van actieve markten).
28 Toezeggingen
Ontvangen en gedane toezeggingen waren per 31 maart als volgt.
| Verplichtingen | 31 maart 2014 | 31 december 2013 | ||
|---|---|---|---|---|
| Ontvangen verplichtingen | ||||
| Kredietlijnen | 271,4 | 271,5 | ||
| Overig kredietlijnen | 1,7 | 1,7 | ||
| Onderpand & garanties ontvangen | 4.084,1 | 4.048,3 | ||
| Overige niet in de balans gewaardeerde rechten | 5,8 | 5,9 | ||
| Verzekerings gerelateerde rechten en verplichtingen | 14,6 | |||
| Totaal ontvangen | 4.363,0 | 4.342,0 | ||
| Verstrekte verplichtingen | ||||
| Garanties, Financieel- en Prestatie Gerelateerde Kredietbrieven | 88,3 | 114,4 | ||
| Totaal kredietlijnen | 406,4 | 438,8 | ||
| Beschikbaar | -130,5 | -117,6 | ||
| Gebruikt | 275,9 | 321,2 | ||
| Onderpand & garanties verstrekt | 1.727,1 | 1.683,6 | ||
| In bewaring gegeven activa en vorderingen | 578,2 | 618,3 | ||
| Kapitaal rechten en verplichtingen | 137,9 | 126,3 | ||
| Overige niet in de balans gewaardeerde verplichtingen | 1.385,4 | 446,7 | ||
| Totaal verstrekt | 4.192,8 | 3.310,5 |
Het merendeel van de ontvangen toezeggingen bestaat uit ontvangen zekerheden en garanties, vooral van klanten ontvangen onderpand op woninghypotheken en in mindere mate ook commerciële leningen en leningen aan polishouders.
Gedane toezeggingen bestaan voor het overgrote deel uit gegeven zekerheden en garanties, in verband met terugkoopovereenkomsten, toevertrouwde middelen en vorderingen en verstrekte kredietlijnen. De stijging van Overige niet in de balans gewaardeerde verplichtingen is voornamelijk toe te schrijven aan de koopovereenkomst van AG Insurance betreffende de overname van een levenportefeuille van Fidea (EUR 511 miljoen) en de verplichtingen van AG Insurance voor het verkrijgen van vastgoed voor een bedrag van EUR 394 miljoen (inclusief het Kiev vastgoedcomplex in Antwerpen voor EUR 202 miljoen).
29 Gebeurtenissen na balansdatum
Er hebben na de balansdatum geen materiële gebeurtenissen plaatsgevonden die noodzaken tot een bijstelling van het geconsolideerd tussentijds financieel verslag van Ageas per 31 maart 2014.
Bericht van de Raad van Bestuur
De Raad van Bestuur van Ageas is verantwoordelijk voor het opstellen van het Geconsolideerd tussentijds financieel verslag van Ageas voor de eerste drie maanden van 2014, in overeenstemming met International Financial Reporting Standards zoals aanvaard door de Europese Unie, met de Europese Transparantie Richtlijn (2004/109/EC).
De Raad van Bestuur verklaart dat, naar zijn beste weten, het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag van Ageas voor de eerste drie maanden van 2014 een getrouw en juist beeld geeft van de activa, verplichtingen, financiële positie en het resultaat van Ageas en dat de informatie die in dit tussentijds financieel verslag is opgenomen geen tekortkomingen bevat die het noodzakelijk maken om de reikwijdte van enige berichtgeving significant aan te passen.
De Raad van Bestuur heeft op 13 mei 2014 het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag van Ageas voor de eerste drie maanden van 2014 beoordeeld en goedgekeurd voor publicatie.
Brussel,13 mei 2014
Raad van Bestuur Voorzitter Jozef De Mey Chief Executive Officer Bart De Smet Bestuurders Roel Nieuwdorp
Vicevoorzitter Guy de Selliers de Moranville Lionel Perl Jan Zegering Hadders Jane Murphy Steve Broughton Lucrezia Reichlin Richard Jackson Davina Bruckner
Controle verklaring van de onafhankelijke accountant
Verslag van de commissaris aan de raad van bestuur van ageas SA/NV omtrent de beoordeling van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie op 31 maart 2014 en over de periode van drie maanden afgesloten op die datum
Inleiding
Wij hebben de beoordeling uitgevoerd van de bijgevoegde tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie van Ageas, bestaande uit de geconsolideerde balans per 31 maart 2014, de geconsolideerde resultatenrekening en het geconsolideerde overzicht van Overig Comprehensive Income over de periode van drie maanden die op die datum is beëindigd, het geconsolideerde overzicht van wijzigingen in het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht over de periode van drie maanden die op die datum is beëindigd, evenals van de toelichtingen. De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en het weergeven van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse Financiële Verslaggeving" zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Het is onze verantwoordelijkheid een conclusie te formuleren bij de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie op basis van onze beoordeling.
Reikwijdte van een beoordeling
We hebben onze beoordeling uitgevoerd overeenkomstig ISRE 2410, "Beoordeling van tussentijdse financiële informatie, uitgevoerd door de onafhankelijke auditor van de entiteit". Een beoordeling van tussentijdse financiële informatie bestaat uit het vragen van inlichtingen, hoofdzakelijk aan financiële en boekhoudkundige verantwoordelijken, en het uitvoeren van cijferanalyses en andere beoordelingsprocedures. De reikwijdte van een beoordeling is aanzienlijk geringer dan die van een controle uitgevoerd in overeenstemming met de Internationale Controlestandaarden (ISA). Om die reden stelt de beoordeling ons niet in staat de zekerheid te verkrijgen dat wij kennis hebben van alle aangelegenheden van materieel belang die naar aanleiding van een controle mogelijk worden geïdentificeerd. Bijgevolg brengen wij dan ook geen controle-oordeel tot uitdrukking.
Conclusie
Op basis van onze beoordeling is niets onder onze aandacht gekomen dat ons er toe aanzet van mening te zijn dat de bijgevoegde tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie op 31 maart 2014 en over de periode van drie maanden afgesloten op die datum niet in alle van materieel belang zijnde opzichten is opgesteld in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse Financiële Verslaggeving" zoals goedgekeurd door de Europese Unie.
Toelichtende paragraaf
Wij vestigen de aandacht op hoofdstuk 26 van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie op 31 maart 2014 en over de periode van drie maanden afgesloten op die datum waarin is beschreven dat Ageas als gedaagde is betrokken bij verschillende juridische procedures en een aantal administratieve en strafrechtelijke onderzoeken in verband met bepaalde gebeurtenissen en ontwikkelingen welke gedurende de periode mei 2007 tot en met oktober 2008 hebben plaatsgevonden en die kunnen resulteren in financiële verplichtingen voor de vennootschap. Echter, de uiteindelijke uitkomst van deze zaken kan momenteel niet worden bepaald. Deze situatie doet geen afbreuk aan ons oordeel.
Brussel, 13 mei 2014
KPMG Bedrijfsrevisoren vertegenwoordigd door M. Lange K. Tanghe Bedrijfsrevisor Bedrijfsrevisor