Skip to main content

AI assistant

Sign in to chat with this filing

The assistant answers questions, extracts KPIs, and summarises risk factors directly from the filing text.

ageas SA/NV Interim / Quarterly Report 2013

Nov 6, 2013

3905_10-q_2013-11-06_0c87fae2-064d-4d18-be62-2e209b116788.pdf

Interim / Quarterly Report

Open in viewer

Opens in your device viewer

GECONSOLIDEERD TUSSENTIJDS FINANCIEEL VERSLAG

VOOR DE EERSTE NEGEN MAANDEN VAN 2013

Brussel, 6 november 2013

Ageas in een oogopslag 9M 2013 4
Verslag van de Raad van Bestuur van Ageas 6
Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag voor de eerste negen maanden van 2013 9
Geconsolideerde balans 10
Geconsolideerde resultatenrekening 11
Geconsolideerd overzicht van het Overig comprehensive income 12
Geconsolideerd overzicht van wijzigingen in het eigen vermogen 13
Geconsolideerd kasstroomoverzicht 14
Algemene Informatie 15
1 Samenvatting grondslagen voor financiële verslaggeving en consolidatie 16
2 Overnames en desinvesteringen 19
3 Uitstaande aandelen en winst per aandeel 21
4 Toezicht en solvabiliteit 24
5 Verbonden partijen 27
Toelichting op de geconsolideerde balans 29
6 Geldmiddelen en kasequivalenten 30
7 Financiële beleggingen 31
8 Leningen 37
9 Beleggingen in geassocieerde deelnemingen 39
10 Calloptie op BNP Paribas aandelen 40
11 Verzekerings verplichtingen 41
12 Schuldbewijzen 42
13 Achtergestelde schulden 43
14 Leningen 45
15 Acute en Uitgestelde belastingen 46
16 RPN(I) 47
17 Voorzieningen 49
18 Verplichtingen ivm geschreven putoptie op door BNP Paribas Fortis SA/NV gehouden AG Insurance aandelen 50
Toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening 53
19 Verzekeringspremies 54
20 Rentebaten, dividend en overige beleggingsbaten 56
21 Resultaat op verkoop en herwaarderingen 57
22 Schadelasten en uitkeringen 58
23
24
Financieringslasten 59
Wijzigingen in de bijzondere waardeverminderingen 60
Toelichting op de segment rapportage 61
25 Segmentinformatie 62
26 Voorwaardelijke verplichtingen 74
27 Derivaten 78
28
29
Toezeggingen 80
Gebeurtenissen na balansdatum 81
Bericht van de Raad van Bestuur 82
Beoordelingsverklaring 83

Ageas in een oogopslag 9M 2013

Nettoresultaat
toewijsbaar aan
aandeelhouders
€ 513 miljoen
Eigen vermogen
toewijsbaar aan
aandeelhouders
€ 8.727 miljoen
Rendement op
eigen vermogen
groep
7,4%
Dividend over 2012
per aandeel
Nettoresultaat
Algemene Rekening
Werknemers
€ 1,20 € 15 miljoen 13.097
Nettoresultaat
Verzekeringen
Rendement op
eigen vermogen
Verzekeringen
Solvabiliteitsratio
Verzekeringsbedrijf
€ 497 miljoen 8,4% 210%
Bruto premie
inkomen1)
Verzekerings
verplichtingen
Combined ratio
€ 17.767 miljoen € 76.577 miljoen 97,6%

1) Het bruto premie/inkomen is inclusief het premie-inkomen van geassocieerde deelnemingen van Ageas. Exclusief de geassocieerde deelnemingen, zoals verantwoord onder IFRS, bedroeg het bruto premie-inkomen EUR 8.203 miljoen.

Eerste negen maanden 2013 Eerste negen maanden 2012 Eerste negen maanden 2011
Resultatenrekening
Bruto premie-inkomen 8.203,4 8.181,8 8.423,4
Totale baten 10.348,2 11.443,2 8.046,9
Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders 512,7 518,4 - 533,7
- waarvan Verzekeringen 497,4 449,5 - 208,7
- waarvan Algemene Rekening (inclusief eliminaties) 15,3 68,9 - 325,0
Aandeel-gerelateerde informatie (in EUR)
Gewoon resultaat per aandeel 2)
2,24 2,17 - 2,07
Overige gegevens
Gecombineerde ratio 97,6% 97,9% 100,2%
Operationele kosten Leven in % van het gemiddeld beheerd vermogen Leven 0,50% 0,51% 0,50%
Rendement eigen vermogen 3) 7,4% 8,0% - 8,6%
Rendement eigen vermogen (Verzekeringsbedrijf) 3) 8,4% 8,8% - 4,7%
30 september 2013 31 december 2012 31 december 2011
Balans 1)
Totaal activa 95.569,6 97.085,7 90.579,3
Technische voorzieningen 76.576,5 76.318,3 70.599,6
Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders 8.726,7 9.799,4 7.682,8
Minderheidsbelangen 883,4 871,5 604,3
Totaal eigen vermogen 9.610,1 10.670,9 8.287,1
Overige gegevens
Solvabiliteitsratio totaal verzekeringen 209,6% 203,8% 205,5%
Solvabiliteitsratio totaal groep 225,7% 228,6% 235,3%
Aantal werknemers (FTE) 13.097 13.335 12.577
Aantal aandelen (in miljoenen) 2) 227,9 231,8 240,6

1) Per 1 januari 2013 is de herziene standaard IAS 19 'Personeelsbeloningen' in werking getreden. De belangrijkste wijziging in de herziene standaard is de directe opname in het eigen vermogen van 'niet opgenomen actuariële winsten en verliezen' per de ingangsdatum, in plaats van de zogenaamde 'corridor'-benadering. De vergelijkende cijfers over 2011 en 2012 zijn hiervoor aangepast.

2) De cijfers over 2011 zijn aangepast voor vergelijkingsdoeleinden, rekening houdend met de 10/1 reverse stock split van 2012 (zie Noot 3 Uitstaande aandelen en winst per aandeel).

3) Gebaseerd op het nettoresultaat op jaarbasis gedeeld door het gemiddelde eigen vermogen op 1 januari en 30 september.

VERSLAG VAN DE RAAD van BESTUUR VAN Ageas

Tot onze grote spijt is Ronny Brückner, lid van de Raad van Bestuur van Ageas, op 4 augustus 2013 overleden. Wij betuigen hem eer en herinneren hem om zijn energie en toewijding aan Ageas.

Ontwikkelingen

Op 16 september 2013 organiseerde ageas SA/NV een Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders. Deze vergadering heeft haar goedkeuring gegeven voor de vernietiging van de resterende 469.705 aandelen van het inkoopprogramma van eigen aandelen 2012 en voor de tweede kapitaalvermindering, door middel van een terugbetaling aan de aandeelhouders van EUR 1,00 per aandeel. De uitbetaling zal op 13 december 2013 plaats vinden.

Daarnaast heeft de vergadering haar goedkeuring gegeven voor de benoeming van mevrouw Lucrezia Reichlin en de heer Richard Jackson als niet-uitvoerende leden van de Raad van Bestuur, voor een periode van drie jaar tot na afloop van de Gewone Algemene Vergaderingen van Aandeelhouders van 2016.

Resultaten voor de eerste negen maanden van 2013

De nettowinst voor de Groep bedroeg in de eerste negen maanden van 2013 EUR 513 miljoen, tegenover een nettowinst van EUR 518 miljoen in de eerste negen maanden van 2012.

Het totale eigen vermogen per eind september bedroeg EUR 8,7 miljard, ofwel EUR 38,30 per aandeel, tegenover EUR 9,8 miljard eind vorig jaar.

De solvabiliteitsratio's van Verzekeringen en de Groep bedroegen respectievelijk 210% en 226%. Het totale beschikbare kapitaal lag EUR 5,2 miljard boven het wettelijk vereiste minimum (waarvan EUR 4,5 miljard binnen het Verzekeringsbedrijf).

Verzekeringen

De nettowinst van Verzekeringen bedroeg in de eerste negen maanden van 2013 EUR 497 miljoen (EUR 450 miljoen in de eerste negen maanden van 2012).

Het nettoresultaat Leven bedroeg in de eerste negen maanden EUR 311 miljoen, tegenover EUR 293 miljoen vorig jaar.

In België bedroeg het nettoresultaat in de eerste negen maanden EUR 190 miljoen (tegenover EUR 165 miljoen).

In Continentaal Europa bleef het nettoresultaat nagenoeg ongewijzigd en bedroeg EUR 36 miljoen. De slechtere operationele resultaten werden gecompenseerd door de bijdrage van de niet-geconsolideerde entiteiten en lagere belastingen. De bijdrage van de Aziatische activiteiten aan het nettoresultaat over de eerste negen maanden bedroeg EUR 87 miljoen (tegenover EUR 92 miljoen). Exclusief de eenmalige positieve resultaten van vorig jaar, verbeterde het nettoresultaat met EUR 11 miljoen. Het resultaat van vorig jaar was inclusief een eenmalige positieve correctie van EUR 8 miljoen in Hong Kong en andere eenmalige positieve boekhoudkundige correcties ter hoogte van EUR 8 miljoen netto voor de niet-geconsolideerde entiteiten. De onderliggende prestatie verbeterde als gevolg van organische groei en goede beleggingsprestaties in de hele regio, wat deels teniet werd gedaan door de kosten ten behoeve van verkoopcampagnes en de uitbreiding van distributiekanalen in China.

Niet-Leven realiseerde in de eerste negen maanden een nettoresultaat van EUR 174 miljoen (tegenover EUR 143 miljoen), met een combined ratio van 97,2%. Alle segmenten bleven goed presteren in alle bussiness-segmenten, met een hogere bijdrage van de niet-geconsolideerde entiteiten in Azië en Turkije. Het resultaat in België werd positief beïnvloed door sterke verzekeringsprestaties: de schaderatio in het segment Woningverzekeringen was dit jaar laag en het segment Autoverzekeringen presteerde goed in het derde kwartaal.

In het VK bedroeg het nettoresultaat over de eerste negen maanden EUR 77 miljoen (tegenover EUR 73 miljoen) dankzij de aanhoudende betere prestaties in het segment Woningverzekeringen en de solide prestaties van Groupama Insurance Company Ltd (GICL), met een nettoresultaat van EUR 14 miljoen

In Continentaal Europa, werd de nettowinst over de eerste negen maanden meer dan verdubbeld en bedroeg EUR 26 miljoen (tegenover EUR 13 miljoen), inclusief een eenmalige kapitaalwinst van EUR 9 miljoen, voorvloeiend uit de verkoop van vastgoed in het tweede kwartaal in Turkije. Dankzij sterke verzekerings- en beleggingsprestaties werd de nettowinst in de eerste negen maanden in Azië meer dan verdubbeld.

De combined ratio voor de Groep verbeterde wederom en bedroeg 97,6%, tegenover 97,9% vorig jaar. Als we de daling van de combined ratio van voorgaande jaren in aanmerking nemen (van 3,8% tot 2,8%), is de combined ratio van dit jaar met 1,3% gestegen, verspreid over het VK en België.

De retailactiviteiten in het VK rapporteerden een totaal inkomen uit vergoedingen en commissies van EUR 181 miljoen. Het nettoresultaat daalde in de eerste negen maanden naar EUR 12 miljoen (tegenover EUR 13 miljoen), inclusief EUR 12 miljoen aan regionale kosten en eenmalige uitgestelde belastingbaten van EUR 3 miljoen. Met het oog op de competitieve marktomgeving zijn maatregelen genomen om de kosten te beheersen, wat in de eerste negen maanden heeft geleid tot een kostenvermindering van 13% van de totale retailactiviteiten.

Algemene Rekening

De nettowinst van de Algemene Rekening bedroeg EUR 15 miljoen, inclusief de waardedaling van de RPN(I) ter hoogte van EUR 114 miljoen (grotendeels vanwege een gewijzigde waarderingsmethode). De waarde van de RPN(I) bedroeg eind september EUR 279 miljoen, tegenover EUR 165 miljoen eind december.

RPN(I)

In vervolg op de invoering van IFRS 13 in 2013, heeft Ageas de waarderingsmethode met betrekking tot de RPN(I) in het derde kwartaal herzien. Op basis van IAS 39 heeft Ageas tot en met het eerste halfjaar van 2013 in de waarderingsmethode het begrip 'afhandeling' toegepast. Na analyse van de afspraken die in 2012 met BNP Paribas zijn gemaakt over de gedeeltelijke afwikkeling van de RPNI(I), en gezien het feit dat BNP Paribas het referentiebedrag als een actief beschouwt, bleek een waardering op basis van het begrip 'overdracht' onder IFRS meer van toepassing te zijn. Ageas besloot met ingang van het derde kwartaal 2013 het RPN-referentiebedrag te gebruiken voor waarderingsdoeleinden.

De verschuiving van het begrip 'afhandeling' naar het begrip 'overdracht' leidde tot een eenmalige verliespost van EUR 87 miljoen in het derde kwartaal, terwijl de stijging van het referentiebedrag van EUR 258 miljoen naar EUR 279 miljoen in het derde kwartaal tot een additioneel verlies van EUR 21 miljoen leidde. De stijging van het referentiebedrag werd enerzijds veroorzaakt door een waardeverandering van de CASHES van 56,17% naar 59,29% (als de waarde van de CASHES, uitgedrukt in een percentage van de fractiewaarde, met 1% stijgt, stijgt het referentiebedrag met EUR 11 miljoen) en anderzijds deels teniet gedaan door een stijging van het Ageas aandeel van EUR 26,98 naar EUR 29,94 (als het Ageas aandeel met EUR 1,00 stijgt, daalt het referentiebedrag met EUR 5 miljoen).

De overstap naar het referentiebedrag ('overdracht') zorgt voor een transparantere en eenvoudige methode om de waarde van resterende RPNI(I) te bepalen.

Voor nadere details over het referentiebedrag en de waardering van de RPN(I) verwijzen wij naar Noot 16.

Royal Park Investments (RPI)

Op 27 april 2013 kondigde RPI de verkoop aan van zijn activaportefeuille via één enkele transactie aan een institutionele belegger. Op basis van het aanvaarde aanbod werd de portefeuille gewaardeerd op EUR 6,7 miljard. De transactie werd in de loop van mei afgerond, met uitzondering van een beperkt aantal effecten in de portefeuille dat voor het eind van het jaar zal worden afgewikkeld.

De totale IFRS-winst, tegen 100% en op IFRS-basis, bedroeg EUR 0,6 miljard per eind september 2013 (EUR 0,3 miljard aandeel Ageas).

De boekwaarde van het belang van Ageas in RPI bedroeg EUR 242 miljoen, in vergelijking met EUR 240 miljoen per eind juni 2013, een stijging van EUR 1 miljoen.

Na de verkoop van de activa blijft de activiteit van RPI voornamelijk beperkt tot de afwikkeling van rechtszaken met betrekking tot een aantal Amerikaanse activa.

Overige posten

De nettorenteopbrengsten bedroegen minus EUR 3 miljoen, tegenover EUR 27 miljoen. In dit laatste bedrag is een eenmalige opbrengst opgenomen van EUR 30 miljoen voortvloeiend uit de amortisatie van de discount op de BNP Paribas Fortis Tier 1-obligatielening, en EUR 9 miljoen aan ontvangen rente uit de Tier 1.

Personeels- en overige operationele kosten daalden de eerste negen maanden van EUR 37 miljoen tot EUR 33 miljoen, voornamelijk als gevolg van lagere juridische en consultancykosten.

Solvabiliteit

Het totaal beschikbare kapitaal van Ageas bedroeg per eind september 2013 EUR 9,3 miljard in vergelijking met EUR 9,1 miljard eind 2012. Dit bedrag lag EUR 5,2 miljard hoger dan het totale wettelijk vereiste minimum, waarvan EUR 4,5 miljard binnen het verzekeringsbedrijf. Het totale beschikbare kapitaal van het verzekeringsbedrijf bedroeg EUR 8,6 miljard; het wettelijk vereiste minimum bleef stabiel op EUR 4,1 miljard. Het solvabiliteitsratio voor de wereldwijde verzekeringsactiviteiten bedroeg 210%. De solvabiliteitsratio's per segment bleven sterk en bedroegen 188% voor België, 220% voor het Verenigd Koninkrijk, 258% voor Continentaal Europa en 230% voor Azië.

Nettokaspositie Algemene Rekening

De nettokaspositie van de Algemene Rekening bedroeg eind september EUR 2,0 miljard en bestond uit geldmiddelen en kasequivalenten van EUR 0,8 miljard en kortlopende deposito's bij banken van EUR 1,3 miljard. Dit bedrag is gecorrigeerd voor het resterende uitstaande bedrag van EUR 0,1 miljard op het European Medium Term Notes (EMTN) programma.

De nettokaspositie daalde enigszins in het derde kwartaal met EUR 74 miljoen. Deze daling vloeide deels voort uit het inkoopprogramma van aandelen (EUR 33 miljoen). De pay-out van de geplande kapitaalreductie van EUR 1,00 per aandeel (EUR 0,2 miljard), waarvoor de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 16 september goedkeuring heeft gegeven, wordt naar verwachting op 13 december uitgevoerd.1

Een additionele uitbetaling in contanten als gevolg van de hierboven genoemde verkoop van de activa van RPI eerder dit jaar wordt naar verwachting eind 2013 uitgevoerd.

Voorwaardelijke verplichtingen

Voor het volledige overzicht van de 'Voorwaardelijke verplichtingen gerelateerd aan gerechtelijke procedures' wordt verwezen naar noot 26 van het Geconsolideerd Financieel Verslag per 30 september 2013.

Brussel, 5 november 2013

Raad van Bestuur

1 Ex-coupondatum 10/12/2013 en datum van betaling 13/12/2013, op voorwaarde dat geen schuldeisers hun rechten hebben doen gelden, zoals vermeld in artikel 613 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen.

TUSSENTIJDS FINANCIEEL VERSLAG | AGEAS 9

VOOR DE EERSTE NEGEN MAANDEN VAN 2013

GECONSOLIDEERD TUSSENTIJDS FINANCIEEL VERSLAG

GECONSOLIDEERDE BALANS

(voor winstbestemming)

Noot 30 september 2013 31 december 2012 1) 31 december 2011 1)
Activa
Geldmiddelen en kasequivalenten 6 2.174,0 2.449,9 2.701,5
Financiële beleggingen 7 62.062,6 62.571,8 55.231,4
Vastgoedbeleggingen 7 2.351,3 2.415,5 2.045,7
Leningen 8 5.913,5 6.288,4 5.683,4
Beleggingen inzake unit-linked contracten 14.043,1 13.683,9 12.771,4
Beleggingen in geassocieerde deelnemingen 9 1.605,3 2.123,6 1.959,5
Herverzekering en overige vorderingen 2.097,5 1.968,0 4.111,1
Actuele belastingvorderingen 40,2 9,4 127,1
Uitgestelde belastingvorderingen 15 92,1 171,7 358,8
Call optie op BNP Paribas aandelen 10 234,0 395,0
Overlopende rente en overige activa 2.434,9 2.556,4 2.363,3
Materiële vaste activa 1.082,5 1.115,0 1.098,3
Goodwill en overige immateriële vaste activa 1.434,2 1.498,1 1.594,3
Activa aangehouden voor verkoop 2 238,4 138,5
Totaal activa 95.569,6 97.085,7 90.579,3
Verplichtingen
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven 11.1 26.068,7 25.914,3 24.370,4
Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven 11.2 28.791,9 29.100,7 27.201,5
Verplichtingen inzake unit-linked contracten 11.3 14.110,5 13.767,0 12.823,8
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven 11.4 7.605,4 7.536,3 6.203,9
Schuldbewijzen 12 123,1 186,8 256,7
Achtergestelde schulden 13 1.931,9 2.915,5 2.973,6
Leningen 14 2.365,6 1.968,0 2.277,0
Actuele belastingschulden 62,8 129,1 59,2
Uitgestelde belastingschulden 15 1.072,0 1.410,9 585,0
RPN(I) 16 279,0 165,0 190,0
Overlopende rente en overige verplichtingen 2.375,8 2.255,1 2.181,4
Voorzieningen 17 53,5 69,1 2.403,4
Verplichting inzake geschreven putoptie 18 1.093,0 997,0 655,8
Verplichtingen met betrekking tot activa aangehouden voor verkoop 2 26,3 110,5
Totaal verplichtingen 85.959,5 86.414,8 82.292,2
Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders 3 8.726,7 9.799,4 7.682,8
Minderheidsbelangen 883,4 871,5 604,3
Totaal eigen vermogen 9.610,1 10.670,9 8.287,1
Totaal verplichtingen en eigen vermogen 95.569,6 97.085,7 90.579,3

1) Per 1 januari 2013 is de herziene standaard IAS 19 'Personeelsbeloningen' in werking getreden. De belangrijkste wijziging in de herziene standaard is de directe opname in het eigen vermogen van 'niet opgenomen actuariële winsten en verliezen' per de ingangsdatum, in plaats van de zogenaamde 'corridor'-benadering. De vergelijkende cijfers over 2011 en 2012 zijn hiervoor aangepast.

GECONSOLIDEERDE RESULTATEN REKENING

Eerste negen Eerste negen
Noot maanden 2013 maanden 2012 Derde kwartaal 2013 Derde kwartaal 2012
Baten
- Bruto premies 1) 6.938,5 7.417,6 2.289,8 2.186,2
- Wijziging in niet-verdiende premies - 4,4 - 88,7 33,8 51,8
- Afgegeven herverzekeringspremies - 270,7 - 243,1 - 90,3 - 81,3
Netto verdiende premies 19 6.663,4 7.085,8 2.233,3 2.156,7
Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten 20 2.274,8 2.281,0 762,9 742,9
(On)gerealiseerde winst (verlies) op call optie BNP Paribas aandelen - 90,0 - 221,0 57,0
Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) - 114,0 - 268,1 - 108,0 14,0
Resultaat op verkoop en herwaarderingen 21 145,6 325,9 41,7 54,5
Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten 637,4 1.562,5 430,7 792,8
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen 389,3 180,4 38,3 39,6
Commissiebaten 294,9 298,7 97,6 101,0
Overige baten 146,8 198,0 57,1 78,8
Totale baten 10.348,2 11.443,2 3.553,6 4.037,3
Lasten
- Schadelasten en uitkeringen, bruto - 6.409,0 - 6.933,7 - 2.144,7 - 2.093,7
- Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars 125,4 90,0 47,6 25,5
Schadelasten en uitkeringen, netto 22 - 6.283,6 - 6.843,7 - 2.097,1 - 2.068,2
Lasten inzake unit-linked contracten - 653,7 - 1.555,4 - 439,0 - 798,5
Financieringslasten 23 - 183,2 - 195,5 - 60,5 - 64,9
Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen 24 - 46,1 - 95,3 - 12,6 - 15,3
Wijzigingen in voorzieningen 17 0,1 2,1 3,1 1,2
- Bijzondere waardevermindering claims op ABN AMRO - 1.962,5
- Vrijval voorziening MCS conversie en geschillen met de Nederlandse Staat 2.362,5
Totale impact schikking ABN AMRO 10 400,0
Commissielasten - 974,8 - 928,6 - 317,3 - 300,8
Personeelskosten - 622,6 - 590,6 - 206,1 - 197,5
Overige lasten - 744,6 - 707,2 - 270,3 - 269,3
Totale lasten - 9.508,5 - 10.514,2 - 3.399,8 - 3.713,3
Resultaat voor belastingen 839,7 929,0 153,8 324,0
Belastingbaten (lasten) - 195,1 - 272,0 - 66,2 - 65,6
Nettoresultaat over de periode 644,6 657,0 87,6 258,4
Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen 131,9 138,6 46,5 44,7
Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders 512,7 518,4 41,1 213,7
Gegevens per aandeel (EUR)
Gewoon resultaat per aandeel 3 2,24 2,17
Verwaterd resultaat per aandeel 3 2,24 2,17

1) Het bruto premie-inkomen (som van bruto premies en premies inzake beleggingscontracten zonder DPF) wordt hieronder als volgt berekend.

Noot Eerste negen
maanden 2013
Eerste negen
maanden 2012
Derde kwartaal 2013 Derde kwartaal 2012
Bruto premies
Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF
6.938,5
1.264,9
7.417,6
764,2
2.289,8
389,5
2.186,2
291,4
(direct verantwoord als verplichting)
Bruto premie-inkomen
19 8.203,4 8.181,8 2.679,3 2.477,6

GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN HET OVERIG COMPREHENSIVE INCOME

Eerste negen Eerste negen
Overig comprehensive income maanden 2013 maanden 2012 Derde kwartaal 2013 Derde kwartaal 2012
Wijzigingen in herwaardering van investeringen
Wijzigingen in amortisatie van investeringen tot einde looptijd aangehouden, bruto 22,8 21,3 7,7 7,3
Gerelateerde belasting - 5,6 - 5,3 - 1,9 - 1,8
Wijziging in beleggingen Tot einde looptijd aangehouden, netto 17,2 16,0 5,8 5,5
Wijzigingen in herwaardering van investeringen beschikbaar voor verkoop, bruto 1) - 860,4 2.371,9 297,2 981,4
Gerelateerde belasting 269,0 - 751,5 - 71,0 - 306,4
Wijzigingen in herwaardering van investeringen beschikbaar voor verkoop, netto - 591,4 1.620,4 226,2 675,0
Aandeel in Overig comprehensive income van geassocieerde deelnemingen, bruto - 216,6 - 24,8 - 105,7 - 33,9
Gerelateerde belasting
Aandeel in Overig comprehensive income van geassocieerde deelnemingen, netto - 216,6 - 24,8 - 105,7 - 33,9
Wijzigingen in herwaardering van investeringen, bruto - 1.054,2 2.368,4 199,2 954,8
Gerelateerde belasting 263,4 - 756,8 - 72,9 - 308,2
Wijzigingen in herwaardering van investeringen, netto - 790,8 1.611,6 126,3 646,6
Wijzigingen in herwaardering IAS 19, bruto 30,0 8,9 30,0 8,9
Gerelateerde belasting - 8,5 - 2,1 - 8,5 - 2,1
Wijzigingen in herwaardering IAS 19, netto 2) 21,5 6,8 21,5 6,8
Wijzigingen in omrekeningsverschillen, bruto - 124,2 87,4 - 49,6 - 17,2
Gerelateerde belasting
Wijzigingen in omrekeningsverschillen, netto - 124,2 87,4 - 49,6 - 17,2
Overig comprehensive income over de periode, na belastingen - 893,5 1.705,8 98,2 636,2
Nettoresultaat over de periode 644,6 657,0 87,6 258,4
Totaal Overig comprehensive income over de periode - 248,9 2.362,8 185,8 894,6
Nettoresultaat toewijsbaar aan minderheidsbelangen 131,9 138,6 46,5 44,7
Overig comprehensive income toewijsbaar aan minderheidsbelangen - 98,1 461,5 65,1 188,3
Totaal Overig comprehensive income toewijsbaar aan minderheidsbelangen 33,8 600,1 111,6 233,0
Totaal Overig comprehensive income, toewijsbaar aan de aandeelhouders - 282,7 1.762,7 74,2 661,6

1) De Wijzigingen in herwaardering van investeringen beschikbaar voor verkoop, bruto zijn met inbegrip van kasstroomafdekkingen en na koersverschillen en shadow accounting.

2) De Wijzigingen in herwaardering IAS 19 blijven opgenomen in het eigen vermogen en zullen niet leiden tot een verandering in de resultatenrekening, in tegenstelling tot de andere wijzigingen in het geconsolideerd overzicht van overig comprehensive income.

GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN WIJZIGINGEN IN HET EIGEN VERMOGEN

On-
Eigen
Koers-
Netto resultaat gerealiseerde
vermogen
Minder-
Totaal
Aandelen-
Agio
Overige verschillen
toewijsbaar aan
winsten en toewijsbaar aan
heids-
eigen
kapitaal
reserve reserves
reserve aandeelhouders
verliezen aandeelhouders belangen vermogen
Stand per 1 januari 2012
2.203,6 2.105,0
3.354,3
163,4
- 578,2
512,2
7.760,3
607,4
8.367,7
Wijziging in grondslagen financiële verslaggeving IAS 19
- 77,5
- 77,5
- 3,1
- 80,6
Gewijzigde stand per 1 januari 2012
2.203,6 2.105,0
3.276,8
163,4
- 578,2
512,2
7.682,8
604,3
8.287,1
Netto resultaat over de periode
518,4
518,4
138,6
657,0
Herwaardering van investeringen
1.155,7
1.155,7
455,9
1.611,6
Herwaardering IAS 19
6,8
6,8
6,8
Omrekeningsverschillen
81,8
81,8
5,6
87,4
Totaal
6,8
81,8
518,4
1.155,7
1.762,7
600,1
2.362,8
Overdracht
- 578,2
578,2
Dividend
- 187,6
- 187,6
- 7,5
- 195,1
Eigen aandelen
- 75,8
- 75,8
- 75,8
Intrekking van aandelen
- 161,4
- 44,5
205,9
Op aandelen gebaseerde beloning
0,9
0,9
0,9
Impact geschreven putoptie op minderheidsbelang
364,2
364,2
- 388,4
- 24,2
Overige veranderingen in het eigen vermogen
33,4
33,4
19,5
52,9
Stand per 30 september 2012
2.042,2 2.061,4
3.045,5
245,2
518,4
1.667,9
9.580,6
828,0
10.408,6
Stand per 1 januari 2013
2.042,2 2.968,1
1.968,2
173,6
743,0
2.015,5
9.910,6
875,5
10.786,1
Wijziging in grondslagen financiële verslaggeving IAS 19
- 111,2
- 111,2
- 4,0
- 115,2
Gewijzigde stand per 1 januari 2013
2.042,2 2.968,1
1.857,0
173,6
743,0
2.015,5
9.799,4
871,5
10.670,9
Netto resultaat over de periode
512,7
512,7
131,9
644,6
Herwaardering van investeringen
- 692,3
- 692,3
- 98,5
- 790,8
Herwaardering IAS 19
18,3
18,3
3,2
21,5
Omrekeningsverschillen
- 121,4
- 121,4
- 2,8
- 124,2
Totaal
18,3
- 121,4
512,7
- 692,3
- 282,7
33,8
- 248,9
Overdracht
743,0
- 743,0
Dividend
- 269,8
- 269,8
- 116,3
- 386,1
Terugbetaling van kapitaal
- 233,5
- 233,5
- 233,5
Aandelen die niet in aanmerking komen
voor terugbetaling van kapitaal
9,8
9,8
9,8
Eigen aandelen
- 104,8
- 104,8
- 104,8
Intrekking van aandelen
- 80,9 - 116,4
197,3
Op aandelen gebaseerde beloning
1,3
1,3
1,3
Impact geschreven putoptie op minderheidsbelang
- 190,4
- 190,4
94,4
- 96,0
Overige veranderingen in het eigen vermogen
- 2,6
- 2,6
- 2,6
Stand per 30 september 2013
1.727,8 2.853,0
2.257,8
52,2
512,7
1.323,2
8.726,7
883,4
9.610,1

Per 1 januari 2013 is de herziene standaard IAS 19 'Personeelsbeloningen' in werking getreden. De belangrijkste wijziging in de herziene standaard is de directe opname in het eigen vermogen van 'niet opgenomen actuariële winsten en verliezen' per de ingangsdatum, in plaats van de zogenaamde 'corridor'-benadering. De vergelijkende cijfers over 2012 zijn hiervoor aangepast, wat een negatief effect op het totale eigen vermogen heeft opgeleverd van EUR 80,6 miljoen per 1 januari 2012 en van EUR 115,2 miljoen per 1 januari 2013. De regel Wijziging in Herwaardering IAS 19 (21,5 miljoen) heeft in 2013 betrekking op de veranderingen van de disconteringsvoet die wordt toegepast bij de berekening van de Verplichting voor pensioenregelingen met vaste toezeggingen.

GECONSOLIDEERD KASSTROOM-OVERZICHT

Noot Eerste negen maanden 2013 Eerste negen maanden 2012
Resultaat voor belastingen 839,7 929,0
Aanpassingen om het resultaat te laten aansluiten op de kasstroom uit bedrijfsactiviteiten:
Call optie op BNP Paribas aandelen 10 90,0 221,0
RPN(I) 16 114,0 268,1
(On)gerealiseerde winsten (verliezen) 21 - 145,6 - 325,9
Baten van geassocieerde deelnemingen - 389,3 - 180,4
Afschrijvingen en oprenting 549,5 557,9
Bijzondere waardeverminderingen 24 46,1 95,5
Voorzieningen 17 - 0,1 - 2,1
Op aandelen gebaseerde beloningen 1,3 1,5
Wijzigingen in operationele activa en verplichtingen:
Activa en verplichtingen aangehouden voor handelsdoeleinden 7 5,8 - 34,7
Leningen 8 382,3 - 565,1
Herverzekering en overige vorderingen - 121,6 1.728,9
Beleggingen inzake unit-linked contracten - 374,5 - 805,2
Schulden 14 219,2 - 322,2
Verplichtingen inzake verzekerings- en beleggingscontracten 11.1 & 11.2 - 4,5 2.848,8
Verplichtingen inzake unit-linked contracten 11.3 352,7 923,8
Call optie op BNP Paribas aandelen 10 144,0
Netto wijzigingen in alle overige operationele activa en verplichtingen 65,3 - 3.469,4
Dividend ontvangen van geassocieerde deelnemingen 109,9 11,8
Betaalde winstbelastingen - 299,2 - 85,1
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 1.585,0 1.796,2
Aankoop van beleggingen 7 - 9.713,6 - 13.108,1
Opbrengsten uit verkoop en aflossingen beleggingen 8.895,3 11.328,5
Aankoop van vastgoedbeleggingen 7 - 198,5 - 239,0
Opbrengsten uit verkoop van vastgoedbeleggingen 117,1 48,3
Aankopen van materiële vaste activa 7 - 74,9 - 58,6
Opbrengsten uit verkoop van materiële vaste activa 3,0 0,5
Aankoop (kapitaalinjectie) van dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen 2 - 234,1 - 33,7
Desinvestering van dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen
(inclusief geldmiddelen begrepen in activa aangehouden voor verkoop) 2, 4 & 9 744,1 46,6
Aankoop van immateriële vaste activa - 10,8 - 10,7
Opbrengsten uit verkoop van immateriële vaste activa 0,1 0,2
Kasstroom uit investeringsactiviteiten - 472,3 - 2.026,0
Aflossing van schuldbewijzen 4, 12 & 14 - 62,3 - 70,4
Opbrengsten uit uitgifte van achtergestelde schulden 13 420,2 8,0
Terugbetaling van achtergestelde schulden 13 - 1.370,7 - 26,1
Opbrengsten uit uitgifte van overige financieringen 14 188,6 64,0
Terugbetaling van overige financieringen - 48,4 - 4,8
Aankoop van eigen aandelen 3 & 4 - 104,8 - 75,8
Dividenden uitgekeerd aan aandeelhouders 4 - 269,8 - 197,5
Uitgekeerd dividend aan minderheidsbelangen 4 - 116,3 - 7,5
Kasstroom uit financieringsactiviteiten - 1.363,5 - 310,1
Effect van omrekeningsverschillen van geldmiddelen en kasequivalenten - 25,1 11,4
Netto toename (afname) van geldmiddelen en kasequivalenten - 275,9 - 528,5
Geldmiddelen en kasequivalenten per 1 januari 6 2.449,9 2.701,5
Geldmiddelen en kasequivalenten per 30 september 6 2.174,0 2.173,0
Bijkomende toelichting inzake kasstromen uit bedrijfsactiviteiten
Ontvangen rente 20 2.034,4 2.047,9
Ontvangen dividenden van beleggingen 20 68,0 55,5
Betaalde rente 23 - 232,1 - 237,4

ALGEMENE INFORMATIE

1 SAMENVATTING GRONDSLAGEN VOOR FINANCIËLE VERSLAGGEVING EN CONSOLIDATIE

Het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag van Ageas voor de eerste negen maanden van 2013 is opgesteld in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) geldend per 1 januari 2013, zoals gepubliceerd door de International Accounting Standards Board (IASB) en zoals aanvaard binnen de Europese Unie (EU).

1.1 Grondslagen voor financiële verslaggeving

Het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag van Ageas voor de eerste negen maanden van 2013, inclusief de vergelijkende cijfers voor 2012, is opgesteld op basis van IAS 34, Tussentijdse Financiële Verslaggeving, en bevat een verkort geconsolideerd financieel overzicht (balans, resultatenrekening, overzicht van wijzigingen in het eigen vermogen, kasstroomoverzicht), geconsolideerd overzicht van Overig comprehensive income en geselecteerde toelichtingen. Ageas past International Financial Reporting Standards ('IFRS') toe, zoals aanvaard door de Europese Unie ('EU'). Het Ageas Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag voor de eerste negen maanden van 2013 dient te worden gelezen in samenhang met de gecontroleerde Ageas Geconsolideerde Jaarrekening 2012 (inclusief de grondslagen voor financiële verslaggeving), die beschikbaar is op http://www.ageas.com/.

1.2 Wijzigingen in grondslagen voor financiële verslaggeving

De grondslagen voor financiële verslaggeving die gehanteerd zijn voor het opstellen van het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag voor de eerste negen maanden van 2013 komen, behalve de invoering van de herziene standaard IAS 19 'Personeelsbeloningen' en IFRS 13, overeen met de grondslagen die zijn gehanteerd voor het opstellen van de Geconsolideerde Jaarrekening voor het jaar eindigend op 31 december 2012.

De belangrijkste wijziging in de herziene standaard is de directe opname in het eigen vermogen van 'niet opgenomen actuariële winsten en verliezen' per de ingangsdatum, in plaats van de zogenaamde 'corridor'-benadering. De pensioenkosten van verstreken diensttijd worden daarentegen niet langer binnen de corridor maar direct in de resultatenrekening verantwoord; de rentelasten/baten zijn gebaseerd op het nettoactief/de nettoverplichting en niet langer het verschil tussen het verwachte rendement op fondsbeleggingen en de lagere rentekosten voor de brutoverplichting.

De vergelijkende cijfers over 2012 en 2011 zijn hiervoor aangepast, wat een negatief effect op het totale eigen vermogen heeft opgeleverd van EUR 81 miljoen per 1 januari 2012 en van EUR 115 miljoen per 31 december 2012. Het effect op het nettoresultaat 2012 was niet van materieel belang (< EUR 1 miljoen); het cijfer is derhalve niet aangepast.

IFRS 13 werd op 1 januari 2013 van kracht en beschrijft hoe de reële waarde voor financiële instrumenten moet worden bepaald. IFRS 13 maakt gebruik van het concept 'exit value', terwijl Ageas in het verleden gebruik maakte van het concept 'settlement value'(de prijs die aan een tegenpartij moet worden betaald om de verplichting af te handelen. 'Exit value' is de prijs die betaald zou moeten worden bij het overdragen van een verplichting in een ordelijke transactie tussen marktpartijen op de waarderingsdatum. De consequenties van deze ontwikkelingen, die prospectief zijn geboekt, worden uitvoerig in noot 16 RPN(I) beschreven.

1.3 Schattingen

De opstelling van het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag op basis van IFRS vereist een aantal schattingen in de waardering aan het einde van de verslagperiode. De gehanteerde schattingen en modellen zijn in het algemeen consistent sinds de introductie van IFRS in 2005. Elke schatting brengt van nature een aanzienlijk risico op materiële aanpassingen (positief dan wel negatief) in de boekwaarde van activa en passiva in het komend boekjaar met zich mee.

De belangrijkste schattingen per de verslagdatum worden in de volgende tabel weergegeven:

30 september 2013
Activa Onzekerheid schatting
Voor verkoop beschikbare activa
- Gestructureerde kredietinstrumenten
- Niveau 2
-
Het waarderingsmodel
-
Inactieve markten
- Niveau 3 -
Het waarderingsmodel
-
Gebruik niet-marktwaarneembare input
-
Inactieve markten
Vastgoedbeleggingen Bepaling van de gebruiksduur en restwaarde
Leningen -
Het waarderingsmodel
-
De looptijd
-
Parameters als creditspread, looptijd en de rente
Geassocieerde deelnemingen Van de beleggingsmix, de activiteiten en de marktontwikkelingen afhankelijke combinatie van
onzekerheden
Goodwill -
Het gehanteerde waarderingsmodel
-
Financiële en economische variabelen
-
Disconteringsvoet
-
De aan de entiteit inherente risicopremie
Overige immateriële vaste activa -
Bepaling van de gebruiksduur en restwaarde
Uitgestelde belastingvorderingen -
Interpretatie van complexe belastingwetgeving
-
Hoogte en tijdstip van toekomstig, belastbaar inkomen
Verplichtingen
Verplichtingen verzekeringscontacten
- Leven
-
Actuariële aannames
-
Gehanteerde rentecurve bij toereikendheidstoets
- Niet-Leven -
Voorzieningen voor (voorgevallen maar niet-gerapporteerde) schadeclaims
-
Schadebehandelingskosten
-
Finale afhandeling van uitstaande claims
Pensioenverplichtingen -
Actuariële aannames
-
Disconteringsvoet
-
Inflatie/salarissen
Voorzieningen -
De waarschijnlijkheid van een huidige verplichting als gevolg van gebeurtenissen in het verleden
-
De berekening van het best geschatte bedrag
Uitgestelde belastingschulden -
Interpretatie van complexe belastingwetgeving
Geschreven putoptie op minderheidsbelang -
Geschatte toekomstige reële waarde
-
Disconteringsvoet

1.4 Segmentrapportering

Operationele segmenten

De indeling van de segmenten waarover gerapporteerd wordt, is ontleend aan operationele segmenten. De te rapporteren segmenten van Ageas zijn gebaseerd op geografische regio's, de resultaten zijn gebaseerd op IFRS. Die onderverdeling naar regio's is ingegeven door het feit dat de activiteiten in de bewuste regio's van vergelijkbare aard zijn en dezelfde economische kenmerken delen.

De operationele segmenten zijn:

  • België;
  • Verenigd Koninkrijk (VK);
  • Continentaal Europa;
  • Azië;
  • Algemene Rekening.

Ageas heeft besloten dat de meest gepaste wijze van rapportering van de operationele segmenten onder IFRS gebaseerd is op de regio's waarin Ageas opereert: België, Verenigd Koninkrijk, Continentaal Europa en Azië.

Activiteiten die geen verband houden met verzekeren en elimineren worden los van de verzekeringsactiviteiten gerapporteerd in het vijfde operationele segment: Algemene Rekening. Onder de Algemene Rekening vallen tevens de investering in Royal Park Investments, de verplichtingen uit hoofde van de CASHES / (RPN(I)) en de geschreven putoptie op het minderheidsbelang, evenals de vorderingen en juridische procedures met betrekking tot de gebeurtenissen uit het verleden.

Transacties tussen de verschillende operationele segmenten vinden plaats tegen marktconforme condities die ook van toepassing zouden zijn voor niet-gerelateerde derden.

1.5 Consolidatiegrondslagen

Het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag voor de eerste negen maanden van 2013 omvat ageas SA/NV (de moedermaatschappij) en haar dochterondernemingen.

Investeringen waarin Ageas invloed van betekenis heeft zonder overwegende zeggenschap – geassocieerde deelnemingen – worden verantwoord volgens de 'equity'-methode.

1.6 Buitenlandse valuta

In de tabel hieronder worden de koersen van de voor Ageas meest relevante valuta weergegeven.

Koers per einde periode Gemiddelde koers
Eerste negen Eerste negen
30 september 31 december maanden maanden
1 euro = 2013 2012 2013 2012
Britse pond 0,84 0,82 0,85 0,81
Amerikaanse dollar 1,35 1,32 1,32 1,28
Hong Kong dollar 10,47 10,23 10,22 9,94

2 OVERNAMES EN DESINVESTERINGEN De volgende significante overnames en desinvesteringen zijn gedaan in 2013 en 2012. Details over eventuele overnames en desinvesteringen na balansdatum zijn opgenomen in Noot 29 Gebeurtenissen na balansdatum.

2.1 Overnames in 2013

2.1.1 DTH Partners LCC

Op 26 april 2013 verkreeg AG Real Estate door middel van een vermogensbijdrage van USD 103 miljoen (EUR 79 miljoen) een deelneming van 33% in DTH Partners LCC. Dit belang is verantwoord in Beleggingen in geassocieerde deelnemingen

De volgende overeenkomsten hebben betrekking op deze overname:

  • Een mezzanine-lening van AG Insurance aan DTH Partners LLC voor een bedrag van USD 117,5 miljoen;
  • Een overbruggingslening van USD 23 miljoen van AG Real Estate (North Star NV) aan EBNB 70 Pine Development. Dit bedrag is onderdeel van een door de aandeelhouders van DTH verstrekte totale brugfinancieringsfaciliteit van USD 50 mln om met Chevron een belastingteruggavestructuur voor te financieren, die vertraagd is door het goedkeuringsproces van de Amerikaanse belastingdienst.

Bij de kwartaalafsluiting was de overname boekhoudkundig nog niet verwerkt omdat de waardering van de onderliggende gebouwen in New York op het moment van de afsluiting nog niet beschikbaar was. De definitieve bepaling van goodwill/badwill is om die reden nog niet mogelijk.

Voor verdere details zie Noot 5 Verbonden partijen.

2.1.2 Activa en verplichtingen aangehouden voor verkoop

Onder activa en verplichtingen aangehouden voor verkoop vallen de vastgoeddochterondernemingen North Light en Pole Star (totaal activa: EUR 239 miljoen, totaal verplichtingen: EUR 26 miljoen) . In overeenstemming met IFRS 5 zijn deze activa en verplichtingen aangemerkt als Activa en verplichtingen aangehouden voor verkoop; de afronding van de verkooptransacties vindt naar verwachting in december 2013 plaats.

2.1.3 Overige overnames

Naast de hierboven genoemde transacties heeft Ageas een aantal andere overnames in het kader van de normale bedrijfsuitoefening in het eerste halfjaar van 2013 gedaan, zoals een deelname van 20% in FREY ter hoogte van EUR 21 miljoen.

2.2 Desinvesteringen in 2013

In 2013 is het gebouw Louvresse Développement verkocht (activa: EUR 81 miljoen), wat leidde tot een meerwaarde van EUR 25 miljoen (opgenomen onder Resultaat op verkoop en herwaarderingen.

2.3 Overnames in 2012

2.3.1 Aksigorta A.Ş.

Op 21 november 2011 kwamen Ageas en Sabanci overeen om beide hun belang in Aksigorta te vergroten tot een maximum van 36% en zo hun partnerschap te verstevigen. Beide entiteiten hebben per 31 december 2012 een belang in Aksigorta van 36%. Ageas heeft EUR 10,5 miljoen betaald; EUR 6,3 miljoen in 2012 en EUR 4,2 miljoen in het laatste kwartaal van 2011.

2.3.2 Overnames AG Real Estate

AG Real Estate heeft vastgoedmaatschappijen verkregen voor een bedrag van EUR 84 miljoen. Er is voor deze transacties geen goodwill verantwoord.

2.3.3 Groupama Insurance Company Limited

Ageas heeft op 21 september 2012 een overeenkomst getekend inzake het verkrijgen van Groupama Insurance Company Limited (GICL) voor een totale som in contanten van GBP 116 miljoen (EUR 145 miljoen). Met deze acquisitie, die is gedaan om de marktpositie van Ageas te versterken, groeit Ageas uit tot de vijfde grootste Niet-Levenverzekeraar in het Verenigd Koninkrijk (met een marktaandeel van 5,2%), de vierde grootste in particuliere autoverzekeringen (met een marktaandeel van 11,7%) en de vierde grootste in particuliere verzekeringen (met een marktaandeel van 7,1%). De transactie was op 14 november 2012 een feit. Na afronding is GICL een dochteronderneming in volledig eigendom van Ageas UK geworden.

Het effect van de overname op de geconsolideerde balans van Ageas was per de overnamedatum als volgt:

Activa Verplichtingen
Geldmiddelen en kasequivalenten 49 Verplichtingen uit hoofde van Niet-Leven verzekeringscontracten 797
Financiële investeringen en leningen 731 Actuele en uitgestelde belastingschulden 11
Herverzekerings- en overige vorderingen 162 Overlopende rente en overige verplichtingen 49
Materiële vaste activa 6
Overlopende rente en overige activa 117
Totaal verplichtingen 857
Negatieve goodwill 63
Kostprijs 145
Totaal activa 1.065 Totaal verplichtingen en kostprijs 1.065

Groupama realiseerde in 2012 een nettoresultaat van EUR 3,4 miljoen (in de eerste negen maanden van 2013 is een nettoresultaat van EUR 13,7 miljoen geboekt). Op de transactie zijn geen goodwill of immateriële activa verantwoord. De negatieve goodwill van EUR 63 miljoen is direct in de resultatenrekening verwerkt als Overige Baten. De negatieve goodwill ontstond doordat de aankoopprijs voor Groupama lager was dan de boekwaarde.

2.4 Desinvesteringen in 2012

2.4.1 Ageas Deutschland Lebensversicherung AG

Ageas heeft in 2011 een overeenkomst getekend met Augur Capital voor de verkoop van haar Leven activiteiten in Duitsland. Deze transactie is afgerond in het eerste kwartaal van 2012 en heeft geleid tot een verlies van EUR 14,5 miljoen voor Ageas. Dit verlies was al verantwoord in de Algemene Rekening per eind 2011.

3 UITSTAANDE AANDELEN EN WINST PER AANDEEL

Hieronder is het verloop weergegeven van het aantal uitstaande aandelen (herzien voor het effect van de reverse stock split van augustus 2012):

Uitgegeven Eigen Uitstaande
in duizenden aandelen aandelen aandelen
Stand per 1 januari 2012 262.338 - 21.709 240.629
Intrekking van aandelen - 19.217 19.217
Netto gekocht/verkocht - 8.798 - 8.798
Stand per 31 december 2012 243.121 - 11.290 231.831
Intrekking van aandelen - 9.635 9.635
Netto gekocht/verkocht - 3.968 - 3.968
Stand per 30 september 2013 233.486 - 5.623 227.863

Fusie van Ageas SA/NV en Ageas NV en reverse stock split

Op respectievelijk 28 en 29 juni 2012 hebben de Algemene Vergaderingen van Aandeelhouders van het Nederlandse ageas N.V. en het Belgische ageas SA/NV de fusie tussen beide vennootschappen goedgekeurd. Daarnaast werden ook de Reverse Stock Split en Reverse VVPR Strip Split goedgekeurd.

Op 3 augustus 2012 stelde de Raad van Bestuur van ageas SA/NV formeel vast dat de fusie van ageas N.V. en ageas SA/NV een feit was. Vanaf deze dag is het Belgische ageas SA/NV, met een permanente vestiging in Nederland, de enige moedermaatschappij van de Ageas groep.

Tegelijk met de fusie is Ageas overgegaan tot een samenvoeging van haar aandelen en VVPR Strips. Voor elke tien Ageas Units werd op 3 augustus 2012 één nieuw aandeel ageas SA/NV uitgegeven. Elk veelvoud van twintig Ageas VVPR Strips is samengevoegd tot telkens 1 Ageas VVPR Strip. Rekening houdend met de reverse stock split zijn de vergelijkende cijfers aangepast voor vergelijkingsdoeleinden.

Inkoopprogramma eigen aandelen 2012

Ageas heeft een inkoopprogramma voor haar eigen uitstaande, gewone aandelen gelanceerd voor een bedrag van maximaal EUR 200 miljoen, ingaand op 13 augustus 2012 voor een periode ten laatste eindigend op 19 februari 2013. Op 19 februari 2013 besloot de Raad van Bestuur van Ageas om het programma te verlengen tot het volledige bedrag van EUR 200 miljoen was bereikt. Dat was op 26 februari 2013 het geval.

Tussen 13 augustus 2012 en 26 februari 2013 heeft Ageas 9.635.159 aandelen ingekocht voor een totaalbedrag van EUR 200 miljoen. Dit kwam overeen met 3,96% van de totale uitstaande aandelen.

Op 24 april 2013 heeft de Algemene Vergadering van Aandeelhouders de intrekking van 9.165.454 aandelen goedgekeurd. Tijdens de buitengewone aandeelhoudersvergadering in september 2013 keurden de aandeelhouders de intrekking van de resterende 469.705 aandelen van het inkoopprogramma van eigen aandelen 2012 goed.

Inkoopprogramma eigen aandelen 2013

Ageas maakte op 2 augustus 2013 bekend dat, op basis van de goedkeuring verleend door de aandeelhouders eind april 2013, de Raad van Bestuur besloten heeft een nieuw inkoopprogramma van eigen aandelen te starten voor EUR 200 miljoen.

Ageas is op 12 augustus 2013 gestart met het inkoopprogramma voor een periode ten laatste eindigend op 5 augustus 2014.

De teruggekochte aandelen zullen worden aangehouden als eigen aandelen tot het moment dat de beslissing om deze aandelen in te trekken formeel is goedgekeurd door de aandeelhouders. Tussen de startdatum van het inkoopprogramma en 30 september 2013 heeft Ageas 1.060.843 aandelen teruggekocht voor een totaalbedrag van EUR 32.572.421.

Kapitaalvermindering

De Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van ageas SA/NV van 16 september 2013 heeft goedkeuring gegeven aan, naast de hierboven genoemde vernietiging van ageas SA/NV aandelen, een tweede kapitaalvermindering door middel van een terugbetaling aan de aandeelhouders van EUR 1,00 per aandeel. De uitbetaling zal op 13 december 2013 plaats vinden.

Uitgegeven aandelen en potentieel aantal aandelen

Met inachtneming van de bepalingen die met betrekking tot ageas SA/NV zijn vastgelegd, voor zover de wet daarin voorziet, en in het belang van de Vennootschap, heeft de Raad van Bestuur van Ageas de goedkeuring van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 24 april 2013 ontvangen om gedurende een periode van drie jaar (2013-2016) het aandelenkapitaal voor algemene doeleinden met maximaal EUR 193.200.000 uit te breiden. Uitgaande van een fractiewaarde van EUR 8,40 kan Ageas hiermee maximaal 23.000.000 aandelen uitgeven, wat neerkomt op circa 10% van het totale uitstaande aandelenkapitaal van de Vennootschap. Deze goedkeuring stelt de Vennootschap bovendien in staat om te voldoen aan de verplichtingen die zijn aangegaan in verband met de uitgifte van de financiële instrumenten.

Ageas heeft opties of instrumenten met kenmerken van opties uitgegeven die bij uitoefening kunnen leiden tot een toename van het aantal uitstaande aandelen. Tevens kunnen aandelen worden uitgegeven ten gevolge van de zogenaamde alternatieve coupon vereffeningsmethode (ACVM), geïntegreerd in bepaalde hybride financiële instrumenten (zie hiervoor Noot 26 Voorwaardelijke verplichtingen).

De onderstaande tabel toont het aantal uitgegeven aandelen en het potentiële aantal nieuwe aandelen per 30 september.

in duizenden
Aantal aandelen uitgegeven per 30 september 2013 233.486
Aantal aandelen dat uitgegeven kan worden
per Aandeelhoudersvergadering van 24 april 2013 23.000
Totaal potentieel aantal aandelen per 30 september 2013 256.486

Eigen aandelen Ageas

Het totaal aantal eigen aandelen (5,6 miljoen) bestaat uit de FRESH (4,0 miljoen), het restricted share programma (0,5 miljoen) en de resterende aandelen afkomstig uit het inkoopprogramma eigen aandelen (1,1 miljoen). Nadere informatie over de FRESH is te vinden in Noot 13.1.

Tot het aantal uitstaande aandelen behoren de aandelen die verband houden met het converteerbare instrument FRESH (4,0 miljoen aandelen). De FRESH is een financieel instrument dat in 2002 is uitgegeven door Ageasfinlux S.A.. Een van de kenmerken is dat het instrument alleen kan worden afgelost door conversie in 4,0 miljoen aandelen Ageas. Ageasfinlux S.A. heeft alle noodzakelijke aandelen Ageas verworven om de FRESH af te lossen (waardoor die aandelen ook deel uitmaken van het aantal uitstaande aandelen Ageas). Ageasfinlux S.A. en Ageas zijn echter overeengekomen dat deze aandelen niet stem- en dividendgerechtigd zijn zolang deze aan de FRESH gekoppeld zijn. Aangezien Ageasfinlux S.A. een dochteronderneming van Ageas is, worden de aandelen uit hoofde van de FRESH behandeld als ingekochte eigen aandelen en geëlimineerd tegen het eigen vermogen (zie Winst per aandeel en Noot 13 Achtergestelde verplichtingen).

In 2011, 2012 en 2013 heeft Ageas een 'restricted share' programma voor het senior management opgezet. Afhankelijk van de prestatie van het aandeel Ageas ten opzichte van vergelijkbare ondernemingen over de komende drie jaar en een aantal andere voorwaarden worden de senior managers beloond met in totaal:

  • tussen nul en 158.500 (om-niet te verstrekken) bestaande aandelen Ageas op 1 april 2014 (plan 2011).
  • tussen nul en 119.600 (om-niet te verstrekken) bestaande aandelen Ageas op 1 april 2015.
  • tussen nul en 167.000 (om-niet te verstrekken) bestaande aandelen op 1 april 2016.

In aanvulling op deze plannen zijn de leden van het Management Committee 100.997 aandelen toegezegd als langetermijnincentive. Ageas heeft besloten deze toezegging af te dekken door het maximaal aantal aandelen waarvan verwacht wordt dat deze binnen deze plannen toegekend worden, in te kopen.

CASHES en de afwikkeling met BNP Paribas Fortis SA/NV en BNP Paribas

BNP Paribas Fortis SA/NV (voorheen Fortis Bank) heeft in 2007 een financieel instrument met de naam CASHES uitgegeven. Een van de kenmerken van dit instrument is dat de CASHES alleen kunnen worden afgelost door conversie naar 12,5 miljoen aandelen Ageas.

BNP Paribas Fortis SA/NV heeft alle noodzakelijke aandelen Ageas verworven om de CASHES te kunnen aflossen (waardoor die aandelen ook deel uitmaken van het aantal uitstaande aandelen Ageas). De aandelen met betrekking tot de Cashes die BNP Paribas Fortis SA/NV heeft zijn niet stem- of dividendgerechtigd (zie noot 26.2.2.).

In 2012 deed BNP een (deels succesvol) bod in contanten op de CASHES. Op 6 februari 2012 converteerde BNP Paribas 7.553 ingekochte aandelen van de 12.000 uitstaande CASHES (62,9%) in 7,9 miljoen aandelen Ageas.

Op 7 februari 2012 hebben Ageas en BNP Paribas een overeenkomst bereikt over de gedeeltelijke afwikkeling van de RPN/RPN(I) (zie Noot 16 RPN(I)) en de volledige inkoop van de Tier 1 Obligatielening die door BNP Paribas Fortis SA/NV is uitgegeven en voor 95% in handen is van Ageas (zie Noot 8 Leningen).

Winst per aandeel

In de volgende tabel worden de uitgangspunten weergegeven voor de bepaling van de winst per aandeel (de vergelijkende cijfers zijn aangepast voor de reverse stock split).

Eerste negen maanden 2013 Eerste negen maanden 2012
Netto resultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders 512,7 518,4
Verkrijgingsprijs 'restricted shares' 1,3 0,8
Netto resultaat gebruikt om het verwaterd resultaat per aandeel te bepalen 514,0 519,2
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen voor gewoon resultaat per aandeel (in duizenden) 229.273 238.767
Aanpassingen voor:
- aandelen onder voorwaarden (in duizenden) 328 218
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen voor verwaterd resultaat per aandeel (in duizenden) 229.601 238.985
Gewoon resultaat per aandeel (in euro's per aandeel) 2,24 2,17
Verwaterd resultaat per aandeel (in euro's per aandeel) 2,24 2,17

In de eerste negen maanden van 2013 zijn opties op een gewogen gemiddelde van 2.064.018 aandelen (eerste negen maanden van 2012: 2.433.067) met een gewogen gemiddelde uitoefenprijs van EUR 20,83 per aandeel (eerste negen maanden van 2012: EUR 19,97) buiten beschouwing gelaten bij de berekening van de verwaterde winst per aandeel, omdat de uitoefenprijs van de opties hoger was dan de gemiddelde beurskoers van de aandelen, rekening houdend met het feit dat na de reverse stock split 10 opties uitgeoefend dienen te worden om één aandeel te verkrijgen.

Gedurende 2013 en 2012 zijn 4,0 miljoen aandelen Ageas uit converteerbare effecten met betrekking tot de FRESH buiten beschouwing gelaten omdat de bespaarde rente hoger lag dan de gewone winst per aandeel.

Aandelen Ageas die uit hoofde van de CASHES zijn uitgegeven (totaal 4,6 miljoen; 31 december 2012: 4,6 miljoen) behoren tot het gewogen gemiddelde van de gewone aandelen (zie Noot 26 Voorwaardelijke verplichtingen).

4 TOEZICHT EN SOLVABILITEIT

Ageas is een verzekeringsholding en wordt op geconsolideerd niveau onderworpen aan toezicht door de Nationale Bank van België . Op de werkmaatschappijen wordt op lokaal niveau toezicht uitgeoefend.

4.1 Geconsolideerd toezicht Ageas

Op geconsolideerd niveau wordt het toezicht op Ageas uitgeoefend door de Nationale Bank van België (NBB). Op dochterondernemingen wordt toezicht uitgeoefend door de toezichthouders in de landen waar de dochterondernemingen zijn gevestigd, op basis van de eigen solvabiliteitsmaatstaven en de lokale grondslagen voor de financiële verslaggeving.

Op basis van de toepasselijke wet- en regelgeving voor verzekeringsmaatschappijen in België rapporteert Ageas op kwartaalbasis aan de NBB over het beschikbaar wettelijk kapitaal en de vereiste solvabiliteit. Uit hoofde van het prudentieel toezicht wordt op kwartaalbasis geverifieerd of Ageas op geconsolideerde basis nog aan de solvabiliteitseisen voldoet.

De aansluiting van het eigen vermogen en het beschikbaar wettelijk vereist kapitaal en de daarmee samenhangende solvabiliteitsratio's is als volgt:

30 september 2013 31 december 2012
Aandelenkapitaal en reserves 6.890,8 7.040,9
Netto resultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders 512,7 743,0
Ongerealiseerde winsten en verliezen 1.323,2 2.015,5
Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders 8.726,7 9.799,4
Minderheidsbelangen 883,4 871,5
Totaal eigen vermogen 9.610,1 10.670,9
Achtergestelde instrumenten 1.931,9 2.915,5
Prudentiële filters
Lokaal vereiste egalisatiereserve voor catastrofen - 208,3 - 174,3
Herwaarding van vastgoed, na belastingen (tegen 90%) 755,4 761,2
Aanpassing waardering van voor verkoop beschikbare beleggingen - 1.646,6 - 2.341,5
Kasstroomafdekking 27,8 29,0
Goodwill - 869,9 - 892,8
Overige immateriële vaste activa - 349,5 - 371,0
Verwacht dividend - 362,2
Verwacht dividend, gerelateerd aan de call optie BNP Paribas aandelen - 234,0
Vermindering achtergestelde schuld naar 50% van vereiste solvabiliteit - 932,3
Toetsingsvermogen toezichthouder 9.250,8 9.068,5
Solvabiliteitsratio's
Solvabiliteitsvereisten 4.099,5 3.966,4
Solvabiliteitsoverschot 5.151,3 5.102,1
Solvabiliteitsratio 225,7% 228,6%

4.2 Kapitaalbeheer Ageas

Ageas beschouwt een sterke kapitaalbasis in de afzonderlijke verzekeringsactiviteiten als noodzakelijk, enerzijds als concurrentievoordeel en anderzijds om de geplande groei te financieren.

De Algemene Rekening omvat de groepsfuncties, de financieringstransacties en de nog lopende zaken uit het verleden. Voor de Algemene Rekening gebruikt Ageas het begrip nettokaspositie als indicator van het vrij beschikbare kapitaal zolang dat minder is dan het beschikbare kapitaal op groepsniveau.

Ageas streeft naar een minimum totaal solvabiliteitsratio van 200% van het wettelijk vereiste minimum op het niveau van het totale verzekeringsbedrijf. Ageas zal deze doelstelling ten laatste bij de introductie van Solvency II opnieuw evalueren.

Vermogenspositie Verzekeringen

Op 30 september 2013 bedroeg het totaal beschikbaar vermogen van het Verzekeringsbedrijf EUR 8,6 miljard (31 december 2012: EUR 8,1 miljard), 210% van het wettelijk vereist minimum (31 december 2012: 204%).

Continentaal Consolidatie Totaal Algemeen Totaal
30 september 2013 België VK Europa Azië correcties Verzekeringen (incl. elim) Ageas
Totaal beschikbaar vermogen 4.555,8 1.063,5 1.479,7 1.410,8 83,2 8.593,0 657,8 9.250,8
Minimale solvabiliteitsvereisten 2.428,8 483,9 574,1 612,7 4.099,5 4.099,5
Totaal kapitaal boven minimum solvabiliteitsvereisten 2.127,0 579,6 905,6 798,1 83,2 4.493,5 657,8 5.151,3
Totaal vermogen solvabiliteitsratio 187,6% 219,8% 257,8% 230,3% 209,6% 225,7%
Xx
31 december 2012
Totaal beschikbaar vermogen 4.118,1 1.079,0 1.393,0 1.396,7 90,8 8.077,6 990,9 9.068,5
Minimale solvabiliteitsvereisten 2.379,6 489,9 572,6 521,1 3.963,2 3,2 3.966,4
Totaal kapitaal boven minimum solvabiliteitsvereisten 1.738,5 589,1 820,4 875,6 90,8 4.114,4 987,7 5.102,1
Totaal vermogen solvabiliteitsratio 173,1% 220,2% 243,3% 268,0% 203,8% 228,6%

Het door België (AG Insurance) naar verwachting uit te keren dividend zal vanaf 2013 uitsluitend in de solvabiliteitsberekening worden opgenomen op het moment dat de Raad van Bestuur van België het dividendvoorstel heeft goedgekeurd. Deze werkwijze komt overeen met de richtlijnen voor verslaggeving van de Nationale Bank van België en de solvabiliteitsberekening van de andere segmenten.

De grafische weergave van de solvabiliteitspositie per Verzekeringssegment en voor Verzekeringen als geheel is als volgt:

Nettokaspositie Algemene Rekening

Op basis van de wet- en regelgeving van de NBB bedroeg het beschikbaar wettelijk kapitaal van de Algemene Rekening (inclusief eliminaties) EUR 0,7 miljard per 30 september 2013 (31 december 2012: EUR 1,0 miljard).

Voor een holding is niet alleen het beschikbaar wettelijk kapitaal relevant maar ook de financiële flexibiliteit om dit kapitaal te gebruiken. Om die reden bewaakt Ageas ook de nettokaspositie.

De nettokaspositie bestaat uit de beschikbare Geldmiddelen en kasequivalenten en kortetermijninvesteringen die binnen afzienbare tijd en tegen beperkte kosten kunnen worden geliquideerd, op dit moment voornamelijk bankdeposito's onder aftrek van schuldpapier dat komt te vervallen.

De nettokaspositie bedroeg op 30 september 2013 EUR 2,0 miljard en is in vergelijking met eind 2012 vooral positief beїnvloed door de volgende gebeurtenissen:

  • Ageas heeft EUR 827 miljoen aan contanten ontvangen van RPI;
  • Ageas heeft EUR 144 miljoen ontvangen uit de verkoop van de calloptie op BNP Paribas aandelen;
  • Ageas heeft EUR 339 miljoen aan dividend ontvangen van dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen.
  • Ageas heeft EUR 99 miljoen betaald in het kader van de inkoopprogramma's van eigen aandelen van 2012 en 2013;
  • Ageas heeft EUR 106 miljoen betaald voor een kapitaalinjectie en financiering van dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen;
  • Ageas heeft EUR 63 miljoen betaald voor de aflossing van schuldbewijzen;
  • Ageas heeft EUR 270 miljoen aan dividend uitgekeerd aan haar aandeelhouders.

Ageas heeft in verband met de verkoop van de calloptie op BNP Paribas een terugbetaling van kapitaal bekend gemaakt. De terugbetaling zal in december worden uitgevoerd en bedraagt ongeveer EUR 224 miljoen in contanten (zie ook Noot 3 Uitstaande aandelen en winst per aandeel). Dit bedrag wordt opgenomen als Overlopende rente en overige verplichtingen.

30 september 2013 31 december 2012
Geldmiddelen en kasequivalenten 840,0 402,4
Vorderingen op banken 1.264,5 1.000,0
Schuldbewijzen - 123,1 - 186,8
Netto kaspositie 1.981,4 1.215,6

5 VERBONDEN PARTIJEN

In april 2013 sloot Ageas een transactie inzake de verkrijging van een deelneming van 33% in DTH Partner LLC. DTH Partners LLC stond in relatie tot de heer Ronny Brückner, die tot zijn overlijden in augustus 2013 lid van de Raad van Bestuur van Ageas was. Volgens IFRS richtlijnen worden transacties en verbintenissen als deze beschouwd als een transactie met verbonden partijen en dienen om die reden als zodanig hier te worden genoemd.

Details van de transactie

In december 2011 verschafte AG Insurance DTH Partners LLC en NB 70 Pine LLC (gezamenlijke en verscheidene kredietnemers), twee Amerikaanse vastgoedbeleggingsmaatschappijen, een converteerbare overbruggingslening van USD 70 miljoen (EUR 53,0 miljoen) voor de financiering van de aankoop van een historisch gebouw in Manhattan, New York (70, Pine Street). De lening had een oorspronkelijke looptijd van een jaar, maar werd eind 2012 verlengd. De rente op de lening bedroeg 12% en werd beschermd door (i) onderpand voor de aandelen van de SPV die het gebouw in bezit heeft, (ii) garantieovereenkomsten, (iii) onderpand voor vorderingen en (iv) opties voor AG Insurance die kunnen worden geconverteerd in entiteiten die huurwoningen in downtown Manhattan bezitten.

Op 26 april 2013 zijn de volgende overeenkomsten bereikt:

  • een overeenkomst tussen Westbridge Sarl en AG Real Estate Westinvest SA inzake een kapitaalinjectie van USD 103 miljoen (EUR 79 miljoen) in DTH Partners LCC, wat een deelneming van 33% vertegenwoordigt. Deze deelneming is in de balans verantwoord onder Beleggingen in geassocieerde deelnemingen. Bij de kwartaalafsluiting was de overname boekhoudkundig nog niet verwerkt omdat de waardering van de onderliggende gebouwen in New York op het moment van de afsluiting nog niet beschikbaar was. De definitieve bepaling van goodwill/badwill is om die reden niet mogelijk;
  • Een mezzanine-lening van AG Insurance aan DTH Partners LLC voor een bedrag van USD 117,5 miljoen;
  • Een overbruggingslening van USD 23 miljoen van AG Real Estate (North Star NV) aan EBNB 70 Pine Development. Dit bedrag is onderdeel van een door de aandeelhouders van DTH verstrekte totale brugfinancieringsfaciliteit van USD 50 mln om met Chevron een belastingteruggavestructuur voor te financieren, die vertraagd is door het goedkeuringsproces van de Amerikaanse belastingdienst.

Hoewel de omstandigheden uitzonderlijk zijn, beschouwt het management de transactie als marktconform ('arm's lenght').

TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS

6 GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

Onder Geldmiddelen en kasequivalenten vallen direct beschikbare kasgelden en andere financiële instrumenten met een looptijd van minder dan drie maanden na de datum van verkrijging.

De Geldmiddelen en kasequivalenten per 30 september bestaan uit:

30 september 2013 31 december 2012
Geldmiddelen 2,1 2,1
Vorderingen op banken 1.975,6 1.706,5
Overige 196,3 741,3
Totaal geldmiddelen en kasequivalenten 2.174,0 2.449,9

De samenstelling van de Financiële beleggingen is als volgt:

30 september 2013 31 december 2012
Financiële beleggingen
- Tot einde looptijd aangehouden 4.976,2 5.054,1
- Voor verkoop beschikbaar 56.929,8 57.409,9
- Tegen reële waarde met waardeveranderingen
in de resultatenrekening 313,0 262,5
- Afgeleide financiële instrumenten aangehouden
voor handelsdoeleinden (activa) 26,0 35,8
Totaal bruto 62.245,0 62.762,3
Bijzondere waardeverminderingen:
- op voor verkoop beschikbare beleggingen - 182,4 - 190,5
Totaal bijzondere waardeverminderingen - 182,4 - 190,5
Totaal 62.062,6 62.571,8

7.1 Beleggingen tot einde looptijd aangehouden

Overheids- Bedrijfs-
obligaties obligaties Totaal
Historische kostprijs bij opname 4.729,4 163,9 4.893,3
Overname 125,7 125,7
Historische / geamortiseerde kostprijs 4.855,1 163,9 5.019,0
Amortisatie 29,3 5,8 35,1
Totaal beleggingen tot einde looptijd aangehouden
op 31 december 2012 4.884,4 169,7 5.054,1
Einde looptijd ( 65,9 ) - 29,4 - 95,3
Amortisatie 14,0 3,4 17,4
Totaal beleggingen tot einde looptijd aangehouden
op 30 september 2013 4.832,5 143,7 4.976,2
Reële waarde op 30 september 2013 5.631,9 143,0 5.774,9

De als 'Tot einde looptijd aangehouden' aangemerkte overheidsobligaties naar land van uitgifte per 30 september zijn als volgt:

30 september 2013 Historische/
geamortiseerde
kostprijs
Reële
waarden
Belgische overheid 4.363,1 5.091,1
Portugese overheid 469,4 540,8
Totaal 4.832,5 5.631,9
31 december 2012
Belgische overheid 4.367,8 5.510,6
Portugese overheid 516,6 606,7
Totaal 4.884,4 6.117,3

7.2 Voor verkoop beschikbare beleggingen

De reële waarde en geamortiseerde kostprijs alsmede de hieraan gerelateerde ongerealiseerde winsten en verliezen en bijzondere waardeverminderingen op de Voor verkoop beschikbare beleggingen zijn als volgt:

Historische/ Bruto Bruto Bijzondere
geamortiseerde ongerealiseerde ongerealiseerde Totaal waarde- Reële
30 september 2013 kostprijs winsten verliezen bruto verminderingen waarden
Overheidsobligaties 26.896,6 2.305,7 - 91,9 29.110,4 29.110,4
Bedrijfsobligaties 23.018,0 1.409,6 - 134,3 24.293,3 24.293,3
Gestructureerde kredietinstrumenten 297,0 13,9 - 3,5 307,4 - 2,3 305,1
Voor verkoop beschikbare beleggingen in obligaties 50.211,6 3.729,2 - 229,7 53.711,1 - 2,3 53.708,8
Private equity en durfkapitaal 42,6 0,3 42,9 42,9
Aandelen 2.829,3 366,9 - 25,4 3.170,8 - 180,1 2.990,7
Overige beleggingen 5,0 5,0 5,0
Voor verkoop beschikbare beleggingen in aandelen en overige beleggingen 2.876,9 367,2 - 25,4 3.218,7 - 180,1 3.038,6
Totaal voor verkoop beschikbare beleggingen 53.088,5 4.096,4 - 255,1 56.929,8 - 182,4 56.747,4
31 december 2012
Overheidsobligaties 26.530,9 3.412,0 - 99,0 29.843,9 29.843,9
Bedrijfsobligaties 22.911,6 1.911,8 - 72,1 24.751,3 24.751,3
Gestructureerde kredietinstrumenten 259,0 15,7 - 6,4 268,3 - 2,3 266,0
Voor verkoop beschikbare beleggingen in obligaties 49.701,5 5.339,5 - 177,5 54.863,5 - 2,3 54.861,2
Private equity en durfkapitaal 34,3 0,6 34,9 34,9
Aandelen 2.301,4 229,6 - 23,6 2.507,4 - 188,2 2.319,2
Overige beleggingen 4,1 4,1 4,1
Voor verkoop beschikbare beleggingen in aandelen en overige beleggingen 2.339,8 230,2 - 23,6 2.546,4 - 188,2 2.358,2
Totaal voor verkoop beschikbare beleggingen 52.041,3 5.569,7 - 201,1 57.409,9 - 190,5 57.219,4

Een bedrag van EUR 1.171,1 miljoen van de voor verkoop beschikbare beleggingen is in onderpand gegeven als zekerheid (2012: EUR 965,5 miljoen).

De portefeuille inzake de Voor verkoop beschikbare beleggingen per 30 september kan als volgt grafisch worden weergegeven:

De waardering van Voor verkoop beschikbare beleggingen is gebaseerd op:

  • Niveau 1: genoteerde prijzen in actieve markten;
  • Niveau 2: waarneembare marktgegevens in actieve markten;
  • Niveau 3: niet-waarneembare marktgegevens (prijzen van tegenpartijen).

De waarderingen zijn als volgt:

30 september 2013 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Overheidsobligaties 29.100,2 10,2 29.110,4
Bedrijfsobligaties 23.405,0 839,9 48,4 24.293,3
Gestructureerde kredietinstrumenten 163,1 44,7 97,3 305,1
Aandelen, private equity en overige beleggingen 2.167,2 822,2 49,2 3.038,6
Totaal beleggingen 54.835,5 1.706,8 205,1 56.747,4
31 december 2012 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Overheidsobligaties 29.836,8 7,1 29.843,9
Bedrijfsobligaties 23.994,9 756,4 24.751,3
Gestructureerde kredietinstrumenten 152,3 45,9 67,8 266,0
Aandelen, private equity en overige beleggingen 1.853,6 463,9 40,7 2.358,2
Totaal beleggingen 55.837,6 1.273,3 108,5 57.219,4

De veranderingen in niveau 3 waarderingen zijn als volgt:

30 september 2013 31 december 2012
Stand per 1 januari 108,5 94,1
Einde looptijd/aflossing of terugbetaling over de periode - 22,2
Aankoop 116,1 23,2
Opbrengst van verkopen - 5,2
Ongerealiseerde winsten (verliezen) 2,7 - 3,0
Omrekenverschillen en overige aanpassingen - 0,6
Stand per 30 september 205,1 108,5

Overheidsobligaties naar land van uitgifte

De overheidsobligaties naar land van uitgifte per 30 september zijn als volgt:

Historische/ Bruto
geamortiseerde ongerealiseerde Reële
30 september 2013 kostprijs winsten (verliezen) waarden
Belgische overheid 12.845,9 1.106,6 13.952,5
Nederlandse overheid 342,3 42,9 385,2
Duitse overheid 949,0 198,5 1.147,5
Italiaanse overheid 1.441,2 16,8 1.458,0
Franse overheid 4.630,2 383,2 5.013,4
Britse overheid 650,6 10,2 660,8
Spaanse overheid 357,4 7,6 365,0
Portugese overheid 907,9 - 30,8 877,1
Oostenrijkse overheid 2.466,2 263,3 2.729,5
Finse overheid 201,1 21,1 222,2
Ierse overheid 530,0 35,8 565,8
Sloveense overheid 49,1 - 3,2 45,9
Tsjechische overheid 243,5 28,5 272,0
Slowaakse overheid 333,3 31,5 364,8
Verenigde Staten van Amerika: overheid 282,5 40,5 323,0
Overige overheden 666,4 61,3 727,7
Totaal 26.896,6 2.213,8 29.110,4
31 december 2012
Belgische overheid 12.274,3 1.773,4 14.047,7
Nederlandse overheid 642,8 60,0 702,8
Duitse overheid 1.133,7 264,6 1.398,3
Italiaanse overheid 1.686,5 2,0 1.688,5
Franse overheid 4.228,5 600,6 4.829,1
Britse overheid 794,7 28,3 823,0
Spaanse overheid 366,6 - 22,9 343,7
Portugese overheid 753,0 - 28,1 724,9
Oostenrijkse overheid 2.541,6 366,7 2.908,3
Finse overheid 224,9 33,4 258,3
Ierse overheid 408,8 22,4 431,2
Sloveense overheid 69,8 69,8
Tsjechische overheid 243,8 34,5 278,3
Slowaakse overheid 231,0 32,9 263,9
Verenigde Staten van Amerika: overheid 297,1 83,0 380,1
Overige overheden 633,8 62,2 696,0
Totaal 26.530,9 3.313,0 29.843,9

Het aandeel per land in de beleggingsportefeuille overheidsobligaties op basis van reële waarde kan per 30 september als volgt worden weergegeven:

De volgende tabel geeft de netto ongerealiseerde winsten en verliezen op Voor verkoop beschikbare beleggingen opgenomen in het eigen vermogen (inclusief obligaties, aandelen en overige beleggingen) weer. Beleggingen in aandelen en overige beleggingen zijn inclusief private equity en durfkapitaal.

30 september 2013 31 december 2012
Voor verkoop beschikbare beleggingen in obligaties:
Boekwaarde 53.708,8 54.861,2
Bruto ongerealiseerde winsten en verliezen 3.499,5 5.162,0
- Belasting - 1.144,1 - 1.635,5
Shadow accounting - 906,1 - 1.594,0
- Belasting 286,8 510,9
Netto ongerealiseerde winsten en verliezen 1.736,1 2.443,4
30 september 2013 31 december 2012
Voor verkoop beschikbare beleggingen in aandelen en overige beleggingen:
Boekwaarde 3.038,6 2.358,2
Bruto ongerealiseerde winsten en verliezen 341,8 206,6
- Belasting - 72,8 - 67,8
Shadow accounting - 89,2 - 62,1
- Belasting 28,6 20,2
Netto ongerealiseerde winsten en verliezen

Bijzondere waardeverminderingen op Voor verkoop beschikbare beleggingen

De volgende tabel toont de bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare beleggingen.

30 september 2013 31 december 2012
Bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare beleggingen:
- op obligaties - 2,3 - 2,3
- op aandelen en overige beleggingen - 180,1 - 188,2
Totaal bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare beleggingen - 182,4 - 190,5

De wijzigingen in de bijzondere waardeverminderingen op Voor verkoop beschikbare beleggingen zijn:

30 september 2013 31 december 2012
Stand per 1 januari 190,5 1.436,8
Toename bijzondere waardeverminderingen 16,3 97,6
Terugname bij de verkoop/desinvestering - 22,2 - 1.343,6
Omrekeningsverschillen en overige aanpassingen - 2,2 - 0,3
Stand per einde periode 182,4 190,5

De terugname bij de verkoop/desinvestering in 2012 van EUR 1.278,9 miljoen is gerelateerd aan de conversie van de Griekse obligatieportefeuille.

7.3 Beleggingen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening

De volgende tabel geeft een nadere toelichting op de Beleggingen die tegen reële waarde worden gehouden per 30 september, waarbij de verwerking van ongerealiseerde waardeveranderingen in de resultatenrekening plaatsvindt.

30 september 2013 31 december 2012
Bedrijfsobligaties 234,6 191,7
Gestructureerde kredietinstrumenten 50,0 49,0
Obligaties 284,6 240,7
Aandelen 28,4 21,8
Aandelen en overige beleggingen 28,4 21,8
Totaal beleggingen tegen reële waarde
met waardeveranderingen in
de resultatenrekening 313,0 262,5

Beleggingen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening betreffen voornamelijk beleggingen in verband met de verzekeringsverplichtingen waarvan de kasstromen gekoppeld zijn aan de prestaties van deze activa, ofwel contractueel of uit hoofde van discretionaire winstdeling en waar in de waardering daarvan mede rekening wordt gehouden met actuele informatie. Deze waardering verkleint de kans aanzienlijk dat er in de verslaglegging een 'mismatch' optreedt door het op verschillende grondslagen berekenen van activa en verplichtingen en de daarmee samenhangende winsten en verliezen.

De waardering van beleggingen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening is gebaseerd op:

  • Niveau 1: genoteerde prijzen in actieve markten;
  • Niveau 2: waarneembare marktgegevens in actieve markten;
  • Niveau 3: niet-waarneembare marktgegevens (prijzen van tegenpartijen).

De volgende tabel geeft de waarde per jaareinde weer:

30 september 2013 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Bedrijfsobligaties 28,6 201,0 5,0 234,6
Gestructureerde kredietinstrumenten 50,0 50,0
Aandelen 28,4 28,4
Totaal beleggingen aangehouden tegen
reële waarde met waardeveranderingen
in de resultatenrekening 28,6 229,4 55,0 313,0
31 december 2012 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Bedrijfsobligaties 21,0 170,7 191,7
Gestructureerde kredietinstrumenten 49,0 49,0
Aandelen 21,8 21,8
Totaal beleggingen aangehouden tegen
reële waarde met waardeveranderingen
in de resultatenrekening

De veranderingen in niveau 3 waarderingen zijn als volgt:

30 september 2013 31 december 2012
Stand per 1 januari 49,0 85,7
Einde looptijd/aflossing of
terugbetaling over de periode - 50,0
Gerealiseerde winsten (verliezen) 0,6
Ongerealiseerde winsten (verliezen) 1,0 12,7
Transfers tussen waarderingscategorieën 5,0
Stand per einde periode 55,0 49,0

7.4 Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten (activa)

De samenstelling van de voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten (activa) is als volgt:

30 september 2013 31 december 2012
Niet op een beurs verhandeld (OTC) 25,7 35,8
Op een beurs verhandeld 0,3
Totaal afgeleide financiële instrumenten 26,0 35,8

De Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten hebben voornamelijk betrekking op rente- en aandelenopties, renteswaps en valutatermijncontracten. De Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten zijn in 2013 gewaardeerd op niveau 1 (genoteerde prijzen in actieve markten) en op niveau 2 (waarneembare marktgegevens in actieve markten). In 2012 waren de Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten gewaardeerd op niveau 2. Voor het nominaal bedrag en nadere informatie zie Noot 27 Derivaten.

7.5 Vastgoed

De reële waarde van het vastgoed, zowel aangehouden als belegging als voor eigen gebruik, is als volgt:

Reële waarde: 30 september 2013 31 december 2012
Vastgoedbeleggingen 3.313,9 3.307,2
Terreinen en gebouwen voor eigen gebruik 1.311,2 1.431,4
Totaal reële waarde 4.625,1 4.738,6
Boekwaarde:
Vastgoedbeleggingen 2.351,3 2.415,5
Terreinen en gebouwen voor eigen gebruik 969,8 1.010,0
Totale boekwaarde 3.321,1 3.425,5
Bruto ongerealiseerde winsten en verliezen 1.304,0 1.313,1
Belastingen - 425,2 - 428,4
Netto ongerealiseerd(e) winst/verlies
(niet opgenomen in eigen vermogen) 878,8 884,7

8 LENINGEN

De Leningen zijn als volgt samengesteld:

30 september 2013 31 december 2012
Leningen aan banken 1.775,2 2.637,5
Leningen aan klanten 4.157,1 3.667,5
Totaal 5.932,3 6.305,0
Verminderd met bijzondere waardeverminderingen:
- specifiek kredietrisico - 17,8 - 15,6
- bestaande maar niet gerapporteerde (IBNR) - 1,0 - 1,0
Totaal leningen 5.913,5 6.288,4

8.1 Leningen aan banken

De Leningen aan banken zijn als volgt samengesteld:

30 september 2013 31 december 2012
Rentedragende deposito's 1.587,4 1.513,0
Achtergestelde leningen 949,3
Overige 187,8 175,2
Totaal 1.775,2 2.637,5
Verminderd met bijzondere waardeverminderingen:
- specifiek kredietrisico - 0,6 - 1,1
Leningen aan banken 1.774,6 2.636,4

De Achtergestelde leningen kunnen worden uitgesplitst in:

30 september 2013 31 december 2012
Nitsh I (USD 750 miljoen) 575,9
Nitsh II 373,4
Totaal Achtergestelde leningen 949,3

Nitsh I en II

In 2008 heeft Ageas Hybrid Financing SA/NV (AHF) een obligatielening genaamd 'Nitsh I' ter waarde van USD 750 miljoen uitgegeven, met een coupon van 8,25%. De opbrengsten van deze leningen werden doorgeleend aan BNP Paribas Fortis SA/NV. BNP Paribas Fortis SA/NV heeft de lening op de eerste calldatum (27 augustus 2013) afgelost.

De Nitsh II obligatielening ter waarde van EUR 625 miljoen, met een coupon van 8%, werd ook in 2008 uitgegeven. De opbrengsten van deze leningen werden deels doorgeleend aan AG Insurance en deels aan BNP Paribas Fortis SA/NV. Beide partijen hebben deze leningen op de eerste calldatum, 3 juni 2013, aflost.

AHF heeft op haar beurt de obligatieleningen afgelost. De obligatieleningen (zie ook Noot 13 Achtergestelde schulden) en de leningen hielden daarom op te bestaan.

8.2 Leningen aan klanten

De Leningen aan klanten zijn als volgt samengesteld:

30 september 2013 31 december 2012
Overheid en officiële instellingen 0,3
Hypothecaire leningen 1.541,6 1.528,6
Leningen aan particulieren 9,9 7,7
Leningen aan ondernemingen
Vastgoed 87,0 76,7
Infrastructuur 110,4 63,9
Overige 154,6 129,5
Polisbeleningen 205,3 189,3
Overige leningen 2.048,3 1.671,5
Totaal 4.157,1 3.667,5
Verminderd met
bijzondere waardeverminderingen:
- specifiek kredietrisico - 17,2 - 14,5
- bestaande maar niet
gerapporteerde (IBNR) - 1,0 - 1,0
Leningen aan klanten 4.138,9 3.652,0

De regel Vastgoed onder Leningen aan ondernemingen heeft ook betrekking op de Mezzanine-lening van USD 117,5 miljoen aan DTH Partners (zie ook Noot 2 en 5). De overbruggingslening van USD 23 miljoen van AG Real Estate (North Star NV) aan EBNB 70 Pine Development is opgenomen in de regel Overige onder Leningen aan ondernemingen.

Overige leningen hebben hoofdzakelijk betrekking op:

  • leningen aan bankgerelateerde instellingen (EUR 225 miljoen; december 2012: EUR 197 miljoen);
  • leningen aan financiële dienstverleners (EUR 324 miljoen; 31 december 2012: EUR 345 miljoen);
  • leningen aan de Europese Unie (EUR 123 miljoen; 31 december 2012: EUR 126 miljoen);
  • leningen aan regionale overheden in België (EUR 1.334 miljoen; 31 december 2012: EUR 990 miljoen).

Ageas heeft kredietlijnen verstrekt voor een totaalbedrag van EUR 286 miljoen (31 december 2012: EUR 273 miljoen).

Ageas heeft in het derde kwartaal van 2012 een programma aangekondigd ter verbetering van de diversificatie van haar portefeuille door middel van beleggingen in bedrijfsleningen. Ageas zal maximaal 5% van het totale belegde vermogen in deze beleggingscategorie steken. Ageas ziet in de bedrijfsleningen een interessant alternatief in het huidige lage-renteklimaat. De grotere diversificatie en het aantrekkelijke risico-rendementsprofiel zijn bijkomende voordelen.

Het grootste deel van deze investering wordt gerealiseerd via een samenwerkingsverband voor infrastructuurleningen met Natixis. Het doel is om te profiteren van:

  • een interessant, voor risico gecorrigeerd rendement: infrastructuurleningen versterken het rendement en zorgen voor diversificatievoordelen vergeleken met staatspapier (een belangrijk deel van de beleggingsportefeuille van Ageas);
  • waarborgen op basis van onderpand gekoppeld aan de onderliggende projecten (bijv. gebouwen, wegen);
  • betere afstemming looptijden: infrastructuurleningen hebben door de aard van de projecten lange looptijden, wat goed past bij de financiering van langetermijnverplichtingen waarmee verzekeraars traditioneel te maken hebben.

Belangrijkste kenmerken van de overeenkomst met Natixis:

  • Natixis is verantwoordelijk voor de toekenning van leningen en houdt een vooraf overeengekomen substantieel deel van iedere transactie op de balans. Ageas neemt het resterende deel voor haar rekening;
  • alleen nieuwe of zeer recent overeengekomen transacties in geselecteerde sectoren en landen komen in aanmerking;
  • het samenwerkingsverband sluit activiteiten in de Benelux uit gezien het feit dat Ageas hier direct toegang tot infrastructuurprojecten heeft;
  • het streefbedrag van de leningenportefeuille bedraagt EUR 2 miljard voor Ageas;
  • de verwachting is dat het beoogde geïnvesteerde bedrag in een periode van twee tot drie jaar wordt bereikt;
  • Natixis verzorgt de administratie verbonden aan alle leningen in deze portefeuille.

9 BELEGGINGEN IN GEASSOCIEERDE DEELNEMINGEN

De belangrijkste investeringen in geassocieerde deelnemingen bestaan uit ons aandeel in onze participaties in Tai Ping Holdings, Mayban Ageas Holding, Muang Thai Group Holding, Cardiff Lux Vie, Aksigorta en DTH Partners LCC (zie Noot 2 en 5).

Ten gevolge van de op 12 mei 2009 gesloten transacties verwierf Ageas voor een totaalbedrag van EUR 760,0 miljoen een belang van 44,7% in Royal Park Investments (RPI), een 'special purpose vehicle' dat een deel van de gestructureerde kredietportefeuille verwierf van BNP Paribas Fortis SA/NV. Het belang wordt gewaardeerd volgens de 'equity' methode.

RPI verwierf van BNP Paribas Fortis SA/NV op de sluitingsdatum een portefeuille gestructureerde kredieten voor een overeengekomen aankoopprijs van EUR 11,7 miljard. De overeenstemmende nominale waarde van de portefeuille kwam per 12 mei 2009 uit op EUR 20,5 miljard. De aankoop is gefinancierd met eigen vermogen ten bedrage van EUR 1,7 miljard, super senior schuld ten bedrage van EUR 5 miljard en senior schuld voor EUR 5 miljard; de senior schuld kent een verliesabsorptiemechanisme. De senior schuld is verstrekt door BNP Paribas en BNP Paribas Fortis SA/NV. Het deel dat gefinancierd is door BNP Paribas Fortis SA/NV is gegarandeerd door de Belgische overheid. Contanten gegenereerd door RPI zullen eerst worden gebruikt om de super senior schuld terug te betalen.

In april 2013 verkocht RPI de gehele portefeuille gestructureerde kredietinstrumenten en boekte op deze transactie een winst van EUR 615 miljoen (EUR 275 miljoen aandeel Ageas). In het tweede kwartaal was de transactie vrijwel helemaal afgewikkeld, de aandeelhouders hebben van hun aanvangsinvestering ter hoogte van EUR 1.700 miljoen EUR 1.650 miljoen terugbetaald gekregen en een dividend van EUR 200 miljoen. Ageas heeft in totaal EUR 827 miljoen ontvangen.

De nettowinst van RPI bedroeg in de eerste negen maanden van 2013 EUR 616 miljoen (EUR 276 miljoen aandeel Ageas).

De nettovermogenswaarde van RPI bedroeg per 30 september 2013 EUR 540 miljoen (EUR 241 miljoen aandeel Ageas). De belangrijkste activa betreffen EUR 262 miljoen af te wikkelen effecten, EUR 202 miljoen aan contanten en EUR 105 miljoen overige min of meer liquide activa en EUR 28 miljoen aan verplichtingen die bijna allemaal betrekking hebben op te betalen winstbelastingen.

Na de verkoop van de activa en de afwikkeling van de verplichtingen, blijft de activiteit van RPI voornamelijk beperkt tot de afwikkeling van rechtszaken inzake een aantal Amerikaanse activa.

10 CALLOPTIE OP BNP PARIBAS AANDELEN

Op basis van de op 12 mei 2009 getekende overeenkomst kreeg Ageas een in contanten af te wikkelen calloptie toegekend door de Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij (FPIM) waardoor Ageas de mogelijkheid heeft te profiteren van een waardestijging van de waarde van 121.218.054 aandelen van BNP Paribas gehouden door de FPIM. Deze aandelen werden verkregen door de FPIM in ruil voor de verkoop van 75% + 1 aandeel van BNP Paribas Fortis SA/NV. De optie geeft Ageas het recht op het verschil tussen de uitoefenprijs van EUR 66,672 en de marktprijs van de aandelen van BNP Paribas op het moment van de uitoefening of de verkoopprijs van de onderliggende aandelen van BNP Paribas, naar discretie van de FPIM.

Deze optie wordt verantwoord op basis van de reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening onder Ongerealiseerde winst (verlies) op Calloptie BNP Paribas aandelen.

Op 27 april 2013 heeft Ageas de calloptie weer verkocht aan FPIM voor EUR 144 miljoen (wat neerkomt op EUR 0,64 per aandeel). De transactie is voor het einde van het eerste halfjaar afgerond.

11 VERZEKERINGS-VERPLICHTINGEN

11.1 Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven

De volgende tabel geeft een overzicht van de Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven per 30 september:

30 september 2013 31 december 2012
Verplichting voor toekomstige uitkering aan polishouders 25.282,9 24.866,7
Verplichting voor winstdeling polishouders 329,5 312,0
Shadow accounting 459,7 738,3
Voor eliminaties 26.072,1 25.917,0
Eliminaties - 3,4 - 2,7
Bruto 26.068,7 25.914,3
Herverzekering - 172,3 - 145,4
Netto 25.896,4 25.768,9

11.2 Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven

De volgende tabel geeft een overzicht van de Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven per 30 september:

30 september 2013 31 december 2012
Verplichting voor toekomstige uitkering aan polishouders 28.172,3 28.106,7
Verplichting voor winstdeling polishouders 155,4 176,9
Shadow accounting 464,2 817,1
Bruto 28.791,9 29.100,7
Herverzekering
Netto 28.791,9 29.100,7

11.3 Verplichtingen inzake unit-linked contracten

De Verplichtingen inzake unit-linked contracten voor rekening en risico van polishouders gesplitst naar verzekerings- en beleggingscontracten kunnen als volgt worden weergegeven:

30 september 2013 31 december 2012
Verzekeringscontracten 1.748,6 1.625,7
Beleggingscontracten 12.361,9 12.141,3
Totaal 14.110,5 13.767,0

11.4 Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-leven

De volgende tabel geeft een overzicht van de Verplichtingen inzake Niet-leven verzekeringscontracten per 30 september:

30 september 2013 31 december 2012
Schadeverplichting 5.718,6 5.595,5
Niet-verdiende premies 1.806,2 1.832,1
Verplichting voor winstdeling polishouders 9,1 7,9
Shadow accounting 71,5 100,8
Bruto na eliminaties 7.605,4 7.536,3
Herverzekering - 545,0 - 522,6
Netto 7.060,4 7.013,7

Sommige ongevallenverzekeringen (met name de beroepsgebonden arbeidsongeschiktheidsverzekeringen) betreffen langetermijncontracten en de gerelateerde verplichtingen worden berekend op basis van technieken die vergelijkbaar zijn met die van Leven. Als gevolg van de dalende rentes is in 2012 een bedrag met betrekking tot shadow accounting geboekt.

12 SCHULDBEWIJZEN

De volgende tabel toont de verschillende Schuldbewijzen (EMTN) die Ageas heeft uitgegeven en de bedragen die per 30 september uitstaan:

30 september 2013 31 december 2012
Tegen geamortiseerde kostprijs 61,9 97,3
Tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening 61,2 89,5
Totaal schuldbewijzen 123,1 186,8

Als gevolg van de veranderingen in de samenstelling van de voormalige Fortis-groep in oktober 2008 is er een onherstelbare inbreuk op de leningvoorwaarden ontstaan waardoor alle schuldbewijzen in gebreke en direct opvraagbaar zijn tegen de nominale waarde. Schuldbewijzen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening worden derhalve gewaardeerd op minimaal de nominale waarde. De nominale waarde van tegen reële waarde aangehouden schuldbewijzen met waardeveranderingen in de resultatenrekening per 30 september 2013 was vrijwel gelijk aan de reële waarde omdat de schuldbewijzen direct opvraagbaar zijn. De waardering van schuldbewijzen tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening is gebaseerd op niveau 2. Ageas heeft geen activa tot zekerheid gesteld voor uitstaande schuldbewijzen.

De daling van de eerste negen maanden van 2013 valt toe te schrijven aan aflossingen.

13 ACHTERGESTELDE SCHULDEN

De achtergestelde schulden zijn per 30 september als volgt:

30 september 2013 31 december 2012
FRESH 1.250,0 1.250,0
- Hybrone 227,8 412,5
- Nitsh I 575,9
- Nitsh II 623,1
Ageas Hybrid Financing 227,8 1.611,5
Eeuwigdurende achtergestelde leningen AG Insurance 401,4
Overige achtergestelde schulden 52,7 54,0
Totaal achtergestelde schulden 1.931,9 2.915,5

13.1 FRESH

Ageasfinlux S.A. heeft op 7 mei 2002 een Floating Rate Equity-linked Subordinated Hybrid obligatielening zonder afloopdatum (FRESH) uitgegeven ten bedrage van EUR 1.250 miljoen met een nominale waarde van EUR 250.000 per obligatie. De coupons zijn per kwartaal achteraf betaalbaar tegen een variabele rentevoet gelijk aan driemaands Euribor verhoogd met 135 basispunten.

De FRESH is uitgegeven door Ageasfinlux S.A., met ageas SA/NV als mededebiteur. Terugbetaling van de hoofdsom vindt niet in geld plaats. De houders van de FRESH kunnen ten opzichte van de mededebiteuren alleen recht doen gelden op 4,0 miljoen Ageas aandelen die Ageasfinlux S.A. ten gunste van de houders van de FRESH in onderpand heeft gegeven. In afwachting van het omruilen van de FRESH tegen Ageas aandelen hebben deze Ageas aandelen geen dividend- of stemrecht (het per 30 september 2013 gerapporteerde aantal uitstaande Ageas aandelen is inclusief de 4,0 miljoen Ageas aandelen die zijn uitgegeven voor deze omruil).

In het geval dat geen dividend wordt betaald op aandelen Ageas, of dat het vast te stellen dividend met betrekking tot een boekjaar onder de drempel ligt (dividendrendement < 0,5%), of in bepaalde andere uitzonderlijke omstandigheden, zal de betaling van coupons plaatsvinden in overeenstemming met de zogenaamde Alternatieve Coupon Vereffenings Methode (ACVM). De ACVM houdt in dat nieuwe aandelen Ageas tot het bedrag van de verschuldigde rente worden uitgegeven en geleverd aan de houders van de FRESH. Tot op heden zijn alle coupons contant betaald. Als de ACVM in werking treedt en het beschikbare maatschappelijke kapitaal ontoereikend is voor ageas SA/NV om de ACVM-verplichting na te komen, wordt de couponbetaling opgeschort tot het moment dat de uitgifte van nieuwe aandelen weer mogelijk is. Vanwege deze kenmerken wordt de FRESH behandeld als onderdeel van het voor de toezichthouder kwalificerend vermogen.

De FRESH-obligaties kennen geen vervaldatum, maar kunnen naar keuze van de obligatiehouder worden omgezet in aandelen Ageas tegen een koers van EUR 315 per aandeel. De obligaties worden automatisch omgezet in aandelen Ageas indien de koers van het aandeel Ageas gedurende twintig achtereenvolgende handelsdagen gelijk is aan of hoger is dan EUR 472,50.

13.2 Ageas Hybrid Financing

In 2006 heeft Ageas een special purpose vehicle opgericht onder de naam Ageas Hybrid Financing SA (hierna 'AHF'), dat eeuwigdurende sterk achtergestelde en onder gelijke condities uitgegeven effecten uitgaf en de opbrengsten daarvan investeerde in instrumenten van (voormalige) werkmaatschappijen van Ageas. Deze instrumenten worden meegenomen in de berekening van de solvabiliteit voor deze entiteiten. De door AHF uitgegeven effecten vallen onder een zogenoemde 'support agreement' en een achtergestelde garantie afgegeven door ageas SA/NV.

Uit hoofde van de 'Support Agreement' is ageas SA/NV verplicht om zodanige middelen aan AHF te verstrekken als nodig om de couponverplichtingen te voldoen in ieder jaar dat Ageas een dividenduitkering vaststelt, ofwel om de coupon te betalen via de ACVM indien de entiteiten die de opbrengsten hebben ontvangen de coupons op de doorgeleende leningen niet in contanten voldoen tengevolge van schending van de toepasselijke wettelijke minimale solvabiliteitseisen. In het geval dat Ageas beneden het wettelijk vereiste minimum solvabiliteitsniveau komt of de geconsolideerde activa kleiner zijn dan de verplichtingen exclusief schulden die niet beschouwd worden als 'Senior Debt' of in het geval dat AHF die keuze maakt, dan wordt de couponbetaling vervangen door een afrekening via de ACVM.

AHF heeft in 2006 een obligatie van EUR 500 miljoen uitgegeven onder de naam 'Hybrone', tegen een coupon van 5,125% tot 20 juni 2016 en driemaands Euribor plus 200 basispunten daarna. De opbrengsten van deze leningen werden doorgeleend aan AG Insurance. In maart 2013 lanceerde AHF een bod op de uitstaande effecten tegen een aankoopprijs van 91%, dit bod is uiteindelijk aanvaard voor een bedrag van EUR 163,6 miljoen. De doorlening aan AG Insurance werd met hetzelfde bedrag verminderd. Een aantal gelieerde ondernemingen van Ageas investeerde in Hybrone effecten, waardoor per 30 september 2013 EUR 227,8 miljoen aan Hybrone effecten blijft uitstaan. De eerste calldatum van de resterende Hybrone effecten is op 20 juni 2016.

In 2008 heeft AHF een obligatielening genaamd 'Nitsh I' ter waarde van USD 750 miljoen uitgegeven, met een coupon van 8,25%. De opbrengsten van deze leningen werden doorgeleend aan BNP Paribas Fortis SA/NV. BNP Paribas Fortis SA/NV heeft de lening op de eerste calldatum afgelost (27 augustus 2013); AHF op haar beurt heeft de Nitsh I obligatielening ook op de eerste calldatum 27 augustus 2013 ook afgelost.

De Nitsh II obligatielening ter waarde van EUR 625 miljoen, met een coupon van 8%, werd ook in 2008 uitgegeven. De opbrengsten van deze leningen werden deels doorgeleend aan AG Insurance en deels aan BNP Paribas Fortis SA/NV. Beide partijen hebben laten weten dat zij deze leningen op de eerste calldatum, te weten 3 juni 2013, zouden aflossen; AHF op haar beurt informeerde de obligatiehouders op 21 maart 2013 dat zij de obligatielening ook op 3 juni 2013 zou aflossen. Deze obligatieleningen zijn daarom per 30 juni 2013 opgeheven.

13.3 Fixed Rate Reset Perpetual Subordinated Notes ('notes')

AG Insurance heeft op 21 maart 2013 eeuwigdurende achtergestelde effecten uitgegeven ('notes') voor een bedrag van USD 550 miljoen en tegen een rente van 6,75%. De notes betreffen directe, ongedekte en achtergestelde verplichtingen van AG Insurance, en zijn in alle opzichten gelijk aan de andere achtergestelde verplichtingen binnen AG Insurance. De notes zijn genoteerd aan de beurs van Luxemburg en kunnen in hun geheel, maar niet gedeeltelijk op de eerste calldatum (maart 2019) worden afgelost of op willekeurig welke andere rentevervaldag daarna.

13.4 Overige achtergestelde schulden

De EUR 52,7 miljoen die per 30 september 2013 onder Achtergestelde schulden is verantwoord (31 december 2012: EUR 54,0 miljoen), is inclusief een eeuwigdurende achtergestelde lening van EUR 50 miljoen uitgegeven door Tesco Underwriting en gewaarborgd door Tesco Bank.

14 LENINGEN

De volgende tabel toont de samenstelling van de Leningen per 30 september:

30 september 2013 31 december 2012
Schulden aan banken 1.931,3 1.691,1
Schulden aan klanten 93,3 103,8
Overige schulden 341,0 173,1
Totaal schulden 2.365,6 1.968,0

14.1 Schulden aan banken

De schulden aan banken zijn als volgt samengesteld:

30 september 2013 31 december 2012
Bankdeposito's:
Direct opeisbaar 10,5 2,2
Overige 33,0 42,2
Totaal deposito's 43,5 44,4
Terugkoopovereenkomsten 1.128,7 908,2
Overige 759,1 738,5
Totaal schulden aan banken 1.931,3 1.691,1

Ageas heeft bepaalde activa als zekerheid gesteld (bijvoorbeeld beleggingen en materiële vaste activa) met een boekwaarde van EUR 1.613,2 miljoen (2012: EUR 1.397,6 miljoen) ten opzichte van schulden aan banken.

14.2 Schulden aan klanten

De samenstelling van Schulden aan klanten is als volgt:

30 september 2013 31 december 2012
Deposito's 0,7 0,6
Overige financieringen 10,7 7,1
Depots van herverzekeraars 81,9 96,1
Totaal schulden aan klanten 93,3 103,8

15 ACUTE EN UITGESTELDE BELASTINGEN

Een nadere detaillering van de Uitgestelde winstbelastingen per 30 september is als volgt:

Balans Resultatenrekening
Eerste negen Eerste negen
30 september 31 december maanden maanden
2013 2012 2013 2012
Uitgestelde belastingvorderingen op:
Beleggingen (beschikbaar voor verkoop) - 8,1 85,9 - 91,8 2,8
Vastgoedbeleggingen 15,2 11,6 3,6 - 7,9
Materiële vaste activa 22,2 47,1 - 24,8 - 1,7
Immateriële vaste activa (exclusief goodwill) 5,8 6,2 - 0,4 - 0,4
Verzekeringspolis en claim reserves 480,1 784,8 - 89,0 - 4,2
Voorzieningen voor pensioenen
en uitkeringen na uitdiensttreding 41,9 90,1 - 0,6 - 0,3
Overige voorzieningen 8,7 8,4 0,4 0,5
Overlopende kosten en vooruit ontvangen opbrengsten 0,3 1,5 - 1,2 - 1,1
Niet-aangewende compensabele verliezen 136,0 140,2 - 5,1 - 116,2
RPN(I) 94,8 56,1 - 38,7 1,8
Overige 51,1 71,2 29,2 - 71,5
Bruto uitgestelde belastingvorderingen 848,0 1.303,1 - 218,4 - 198,2
Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen - 92,3 - 91,1 0,7 0,3
Netto uitgestelde belastingvorderingen 755,7 1.212,0 - 217,7 - 197,9
Uitgestelde belastingverplichtingen op:
Afgeleide financiële instrumenten (activa) 0,1 0,5 0,4 1,8
Beleggingen (beschikbaar voor verkoop) 1.160,2 1.726,3 91,8 - 0,8
Unit-linked beleggingen 2,6 3,4 0,8 0,4
Vastgoedbeleggingen 74,0 122,2 35,1 2,4
Leningen aan klanten 1,3 1,4 0,1
Materiële vaste activa 169,4 178,9 9,5 11,7
Immateriële vaste activa (exclusief goodwill) 125,5 130,4 4,9 7,2
Overige voorzieningen 2,8 2,8 - 3,6
Overlopende acquisitiekosten 51,3 61,6 9,4 - 5,4
Vooruitbetaalde lasten en overlopende baten 1,4 1,5 0,1
Belastingvrij gerealiseerde reserves 61,9 39,9 - 22,0 1,7
BNP Paribas call optie 79,5 79,5 57,4
Overige 85,1 102,8 18,3 10,5
Totaal uitgestelde belastingverplichtingen 1.735,6 2.451,2 227,8 83,4
Uitgestelde belastingopbrengsten (lasten) 10,1 - 114,5
Netto uitgestelde belastingen - 979,9 - 1.239,2

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gesaldeerd wanneer sprake is van een wettelijk afdwingbaar recht om acute belastingvorderingen te salderen met acute belastingverplichtingen en de uitgestelde belastingen dezelfde belastingautoriteit betreffen en beoogd zijn op hetzelfde moment te dematerialiseren. De volgende salderingen zijn toegepast:

30 september 2013 31 december 2012
Uitgestelde belastingvorderingen 92,1 171,7
Uitgestelde belastingverplichtingen 1.072,0 1.410,9
Netto uitgestelde belastingen - 979,9 - 1.239,2

16 RPN(I)

De RPN(I) is een financieel instrument dat leidt tot kwartaalbetalingen gedaan door of ontvangen van BNP Paribas Fortis SA/NV.

BNP Paribas Fortis SA/NV heeft in 2007, met Ageas SA/NV als mededebiteur, CASHES effecten uitgegeven. CASHES zijn converteerbare effecten die in aandelen Ageas kunnen worden omgezet tegen een voorafgestelde prijs van EUR 239,40 per aandeel. BNP Paribas Fortis SA/NV en Ageas SA/NV, die op dat moment beide deel uitmaakten van de Fortis groep, introduceerden een financieel instrument, de 'Relative Performance Note' (RPN), ter voorkoming van boekhoudkundige volatiliteit van de aandelen Ageas en van de in de boeken van BNP Paribas Fortis SA/NV tegen reële waarde geboekte CASHES. Bij de opsplitsing van Fortis in 2009 zijn BNP Paribas Fortis SA/NV en Ageas overeengekomen rente te betalen over een in deze RPN vermeld referentiebedrag. Deze rentebetaling per kwartaal wordt gewaardeerd als een financieel instrument en aangeduid als RPN(I).

De RPN(I) bestaat zolang er uitstaande CASHES in de markt zijn. In 2007 zijn aanvankelijk 12.000 CASHES uitgegeven. Ageas en BNP Paribas hebben in februari 2012 een overeenkomst bereikt waarbij Ageas aan BNP Paribas een schadevergoeding heeft betaald van EUR 287 miljoen, nadat BNP Paribas een bod op de CASHES tegen een prijs van 47,5% had gelanceerd en de 7.553 getenderde CASHES inwisselde tegen onderliggende aandelen Ageas, wat leidde tot de pro-rata vrijval van de RPN(I) verplichting. Na deze conversie resteren 4.447 uitstaande CASHES.

Referentiebedrag en rentebetalingen

Het referentiebedrag wordt als volgt berekend:

  • het verschil tussen de nominale waarde van EUR 3.000 miljoen bij de uitgifte en de marktwaarde van de CASHES zoals genoteerd op de beurs van Luxemburg, minus
  • het verschil tussen EUR 2.350 miljoen en de marktwaarde van 12,53 miljoen aandelen Ageas waarin het instrument wordt geconverteerd, vermenigvuldigd met:
  • het aantal CASHES die blijven uitstaan (4.447/12.000=37.06%).

De rentebetalingen per kwartaal bedragen 3-maands EURIBOR plus 20 basispunten over het gemiddelde referentiebedrag in het kwartaal. Als het referentiebedrag positief is, betaalt BNP Paribas Fortis SA/NV over het referentiebedrag rente aan Ageas. Is dat referentiebedrag negatief, dan betaalt Ageas over het referentiebedrag rente aan BNP Paribas Fortis SA/NV.

Staatsgarantie

In het voordeel van BNP Paribas Fortis SA/NV heeft de Belgische staat een staatsgarantie uitgegeven op de door Ageas betaalde RPN(I) rente. Ageas betaalt de Belgische staat een vergoeding voor deze garantie ter hoogte van 70 basispunten per jaar over het referentiebedrag zoals dat op iedere handelsdag wordt berekend. Ageas heeft daarnaast de Belgische staat 14% van de aandelen AG Insurance in onderpand gegeven in geval dat Ageas haar rentebetalingen niet zou nakomen.

Reële waarde – de begrippen 'afhandeling' en 'overdracht'

'Afhandeling'

IAS 39 definieert reële waarde als de waarde waartegen een actief kan worden verhandeld, of een verplichting kan worden afgehandeld tussen ter zake goed geïnformeerde, tot markttransactie bereidwillige partijen. Tot 30 juni 2013, en conform IAS 39, gebruikte Ageas dit begrip ('afhandeling') om de reële waarde van de RPN(I) te berekenen. Voor dit begrip heeft Ageas het level 3-waarderingsmodel gehanteerd, gebaseerd op de waarderingstechnieken van financiële derivaten. Op basis van deze technieken werd de waarde van de RPN(I) op 30 juni geschat op EUR 171 miljoen en op EUR 165 miljoen per jaareinde 2012.

'Overdracht'

IFRS 13 heeft deze definitie gewijzigd. IFRS 13 definieert reële waarde als de prijs die ontvangen zou worden bij de verkoop van een actief of betaald zou moeten worden bij het overdragen van een verplichting in een ordelijke transactie tussen marktpartijen op de waarderingsdatum. De definitie van reële waarde gaat expliciet uit van een 'eindprijs' en verwijst niet meer naar een 'afhandeling' van een financiële verplichting, maar naar de prijs 'die betaald moet worden bij het overdragen van een verplichting'. De reële waarde van een verplichting moet derhalve bepaald worden aan de hand van het begrip 'overdracht'. De waarde moet worden gebaseerd op genoteerde prijzen, indien beschikbaar, in een relevante markt voor identieke of soortgelijke verplichtingen. Als zulke prijzen niet beschikbaar zijn en de verplichting wordt door een andere entiteit als een actief gehouden, dan moet de verplichting worden gewaardeerd vanuit het perspectief van een marktpartij die het actief aanhoudt.

Verschuiving van 'afhandeling' naar 'overdracht'

Als gevolg van de hierboven genoemde verandering in IFRS en gezien de huidige marktomstandigheden, heeft Ageas de waarderingsmethode met betrekking tot de RPN(I) herzien. Na analyse van de afspraken die in 2012 met BNP Paribas zijn gemaakt over de gedeeltelijke afwikkeling van de RPNI(I), en gezien het feit dat BNP Paribas het referentiebedrag als een actief beschouwt, denkt Ageas dat de 'eindprijs' van de RPN(I) volgens de beste schatting overeenkomt met het referentiebedrag op de waarderingsdatum.

Effect op het resultaat

Deze verschuiving had een effect van EUR 87 miljoen op het resultaat in het derde kwartaal van 2013, naast het feit dat het referentiebedrag in het derde kwartaal met EUR 20 miljoen steeg, van EUR 258 miljoen naar EUR 279 miljoen. De stijging van het referentiebedrag tijdens het derde kwartaal werd enerzijds veroorzaakt door een waardeverandering van de CASHES van 56,17% naar 59,29% en anderzijds door een stijging van het Ageas aandeel van EUR 26,98 naar EUR 29,94.

Referentiewaarden

Ageas is bij de bepaling van de reële waarde van de RPN(I) uitgegaan van de volgende veronderstellingen en referentiewaarden:

30 september 2013 31 december 2012
Koers aandeel Ageas EUR 29,94 EUR 22,22
Waarde CASHES 59,29% 53,07%
Referentiebedrag gebaseerd op
37% van de uitstaande CASHES EUR 279 miljoen EUR 246 miljoen
Stochastisch gemodelleerde waarde
RNI (volgens begrip 'afhandeling'): EUR 165 miljoen
Veronderstellingen voor
stochastisch modelleren
Marktconsensus m.b.t. dividend 3,6%
Volatiliteit aandelenkoers 26%
3-maands Euribor 0,19%
Eeuwigdurende senior credit spread Ageas 430 bps
Langetermijn credit spread BNP Paribas 85 bps

Een belangrijke veronderstelling die ten grondslag ligt aan de waardering is dat Ageas ervan uitgaat dat de CASHES verhandelbaar zijn tegen de huidige genoteerde prijzen. Indien de waarde van CASHES onder de 50% daalt, zal Ageas beoordelen of een eventuele liquiditeitsaanpassing bovenop de genoteerde marktprijs gepast is.

Gevoeligheden

Het referentiebedrag is vooral gevoelig voor waardeveranderingen van de CASHES en in mindere mate voor veranderingen van de koers van het Ageas aandeel. Als de waarde van de CASHES, uitgedrukt in een percentage van de fractiewaarde, met 1% stijgt, zal het referentiebedrag met EUR 11,1 miljoen stijgen terwijl een stijging van EUR 1,00 van het Ageas aandeel het referentiebedrag met EUR 4,65 miljoen zal doen dalen.

17 VOORZIENINGEN

De voorzieningen zijn gebaseerd op de best mogelijke schattingen zoals beschikbaar op jaareinde op basis van het oordeel van het management, waarbij rekening wordt gehouden met de adviezen van juridische en fiscale adviseurs. Het tijdstip van de uitgaande kasstromen die samenhangen met deze voorzieningen is per definitie onzeker, gezien de onvoorspelbaarheid van de uitkomst van en de tijd die gemoeid is met het afwikkelen van geschillen.

Het verloop van de voorzieningen gedurende het jaar is als volgt:

30 september 2013 31 december 2012
Stand per 1 januari 69,1 2.403,4
Aan- en verkoop dochterondernemingen 5,0
Toename voorziening 0,8 26,7
Terugname niet-gebruikte voorzieningen - 2.362,5
Aanwendingen in de loop van het jaar - 16,2 - 3,5
Omrekeningsverschillen - 0,2
Stand per einde periode 53,5 69,1

Ageas heeft in 2010 een voorziening voor een bedrag van EUR 2.362 miljoen getroffen voor de uitstaande geschillen met de Nederlandse staat. Deze geschillen vloeien voort uit de uiteenlopende interpretatie van de voorwaarden van de verkoop van Fortis Bank Nederland, Fortis Verzekeringen Nederland en Fortis Corporate Insurance door Ageas aan de Nederlandse staat in oktober 2008. De Nederlandse staat was van mening dat zij op basis van het akkoord (het 'Term Sheet') dat aan de verkoop ten grondslag ligt:

  • eigenaar is van de vordering van EUR 2 miljard op ABN AMRO uit hoofde van de conversie van de MCS;
  • eigenaar is van de vordering van EUR 362 miljoen op FCC/ABN AMRO in verband met de FCC-transactie;
  • recht heeft op circa EUR 885 miljoen in verband met een kapitaalgarantie in de verkoopdocumentatie (zie Noot 26 Voorwaardelijke verplichtingen).

Op 28 juni 2012 hebben ageas SA/NV en ageas N.V. ("Ageas") en ABN AMRO Group N.V. en ABN AMRO Bank N.V. ("ABN AMRO") een schikking getroffen over de gerechtelijke procedures inzake ABN AMRO Capital Finance Ltd. (voorheen Fortis Capital Company Ltd. ("FCC")) en de Mandatory Convertible Securities ("MCS").

Deze schikking maakt tevens een einde aan alle nog uitstaande geschillen tussen de Nederlandse staat en Ageas over de aandelentransacties die uitmondden in de overname van de Nederlandse activiteiten van de voormalige Fortis-groep door de Nederlandse staat op 3 oktober 2008. NL Financial Investments, grootaandeelhouder van ABN AMRO, heeft deze overeenkomst mede ondertekend namens de Nederlandse staat. De schikking heeft geresulteerd in een eenmalige betaling in contanten van EUR 400 miljoen door ABN AMRO aan Ageas op 29 juni 2012. Als gevolg van deze transacties was er sprake van een vrijval van de getroffen voorzieningen voor geschillen met de Nederlandse staat, van EUR 2.362 miljoen.

18 VERPLICHTINGEN IVM GESCHREVEN PUTOPTIE OP DOOR BNP PARIBAS FORTIS SA/NV GEHOUDEN AANDELEN AG INSURANCE

In de Geconsolideerde Jaarrekening van 2008 maakte Ageas bekend dat op 12 maart 2009 een overeenkomst was gesloten over de verkoop van 25% + 1 aandeel AG Insurance aan Fortis Bank (nu BNP Paribas Fortis SA/NV) voor een bedrag van EUR 1.375 miljoen. Deze overeenkomst is door de Vergaderingen van Aandeelhouders van Ageas in mei 2009 goedgekeurd. Als onderdeel van deze overeenkomst stemde Ageas erin toe dat BNP Paribas Fortis SA/NV het recht heeft om het verworven belang in AG Insurance aan Ageas te verkopen gedurende een periode van zes maanden na 1 januari 2018.

Op basis van deze herziening concludeerde Ageas dat het uitoefenen van de putoptie onvoorwaardelijk is. In overeenstemming met IAS 32 is Ageas daarom verplicht een financiële verplichting op te nemen voor de contante waarde van de geschatte uitoefenprijs van de putoptie in 2018. Deze financiële verplichting wordt in een separate regel (Verplichting met betrekking tot geschreven putoptie) in de Balans verantwoord. De verplichting wordt ook in de Algemene Rekening verantwoord aangezien de verplichting betrekking heeft op Ageas Insurance International N.V. (de moedermaatschappij van AG Insurance).

De IFRS richtlijnen schrijven verder voor dat Ageas een verplichting moet opnemen zelfs als:

  • de putoptie niet is uitgeoefend;
  • er geen aanwijzing is dat BNP Paribas Fortis SA/NV voornemens is de optie uit te oefenen op basis van de huidige strategische samenwerking;
  • de uitoefenprijs tegen reële waarde lager is dan de nettovermogenswaarde.

De tegenhanger van deze verplichting is een waardevermindering van het onderliggende minderheidsbelang. Het verschil tussen de waarde van het minderheidsbelang en de reële waarde van de verplichting wordt toegevoegd aan Overige reserves, die in het eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders zijn opgenomen.

Volgende wijzigingen in de reële waarde van de verplichting met betrekking tot de geschreven putoptie worden verantwoord in Overige reserves.

Als de optie in 2018 wordt uitgeoefend, zal de verplichting als een contante betaling van Ageas aan BNP Paribas Fortis SA/NV worden afgewikkeld en zal Ageas weer 25% + 1 aandeel AG Insurance verwerven. Als de optie echter afloopt zonder te zijn uitgeoefend wordt de verplichting verantwoord ten laste van Minderheidsbelangen en Overige reserves.

Zolang de optie niet is uitgeoefend wordt het resultaat van het Minderheidsbelang (25% + 1 aandeel BNP) in de Geconsolideerde resultatenrekening verantwoord als Minderheidsbelang.

Waardebepaling

Ageas heeft tot en met het eerste halfjaar van 2012 de verplichting gewaardeerd tegen de verdisconteerde waarde van het bedrag dat bij de afwikkeling moet worden betaald. Het verdisconteerde bedrag was gebaseerd op een 'niveau 3' waarderingsmodel op basis van:

  • huidige maatstaven voor verzekeringsbedrijven;
  • een waardegroei van 5,5% op basis van het verwachte rendement van 11%, en een dividenduitkering van 50%;
  • een disconteringsvoet van 10%.

In het derde kwartaal van 2012 heeft Ageas de waarderingsmethode van de verplichting echter herzien, waarbij een investeringsbank is geconsulteerd omdat de 'market multiples' zich niet in overeenstemming met de boekwaarde ontwikkelden.

Ageas heeft geconcludeerd dat het naar de toekomst toe geschikter is de 'embedded value' van de Leven activiteiten van AG Insurance en een verdisconteerd kasstroommodel voor de Niet-Leven activiteiten te hanteren. De toegepaste waarderingsmethode is gebaseerd op de langetermijn embedded value, rekening houdend met:

  • huidige embedded value multiples voor levensverzekeringsmaatschappijen;
  • een groei van de waarde op basis van verwacht rendement van 11% op de embedded value en een dividend payout van 75%;
  • een disconteringsvoet van 10%.

Op basis van deze parameters is de netto contante waarde van de verplichting per 30 september 2013 EUR 1.093 miljoen (31 december 2012: EUR 997 miljoen). De volgende gevoeligheden zijn berekend:

Disconteringsvoet +1% punt - 1% punt
Waarde verplichting 1.052 1.136
Relatieve impact -3,8% 3,9%
'Price to Embedded Value' +10% -10%
Waarde verplichting 1.177 1.016
Relatieve impact 7,7% -7,0%
Groei percentage +1% punt - 1% punt
Waarde verplichting 1.135 1.054
Relatieve impact 3,8% -3,6%

TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING

19 VERZEKERINGS-PREMIES

Hieronder volgt een overzicht van de samenstelling van de bruto en netto verdiende premies van het verzekeringsbedrijf.

Eerste negen maanden 2013 Eerste negen maanden 2012
Bruto premie-inkomen Leven 4.774,8 4.850,1
Bruto premie-inkomen Niet-leven 3.429,4 3.332,0
Algemeen en eliminaties - 0,8 - 0,3
Totaal bruto premie-inkomen 8.203,4 8.181,8
XXXX
Eerste negen maanden 2013 Eerste negen maanden 2012
Netto premies Leven 3.439,3 4.019,2
Netto premies Niet-leven 3.224,9 3.066,9
Algemeen en eliminaties - 0,8 - 0,3

Leven

In de onderstaande tabel worden de levensverzekeringspremies weergegeven.

Eerste negen maanden 2013 Eerste negen maanden 2012
Unit-linked contracten
Geboekte eenmalige premies 8,1 7,2
Geboekte periodieke premies 64,0 65,8
Totaal collectief 72,1 73,0
Geboekte eenmalige premies 48,2 26,6
Geboekte periodieke premies 21,2 18,5
Totaal individueel 69,4 45,1
Totaal unit-linked contracten 141,5 118,1
Niet unit-linked contracten
Geboekte eenmalige premies 265,2 243,8
Geboekte periodieke premies 567,3 571,9
Totaal collectief 832,5 815,7
Geboekte eenmalige premies 309,3 517,5
Geboekte periodieke premies 574,7 577,3
Totaal individueel 884,0 1.094,8
Totaal niet unit-linked contracten 1.716,5 1.910,5
Beleggingscontracten met DPF
Geboekte eenmalige premies 1.376,5 1.754,1
Geboekte periodieke premies 275,4 303,2
Totaal beleggingscontracten met DPF 1.651,9 2.057,3
Totaal geboekte premies Leven 3.509,9 4.085,9
Geboekte eenmalige premies 1.162,9 654,6
Geboekte periodieke premies 102,0 109,6
Premies inzake beleggingscontracten
zonder DPF 1.264,9 764,2
Totaal bruto premie-inkomen Leven 4.774,8 4.850,1

Het totale premie-inkomen bij Levensverzekeringen bestaat uit de bruto ontvangen premies van de verzekeringsmaatschappijen voor uitgegeven verzekerings- en beleggingscontracten. Het premie-inkomen van verzekeringscontracten en van beleggingscontracten met DPF wordt verantwoord in de resultatenrekening. De premie-instroom van beleggingscontracten zonder DPF, met name unit-linked contracten, wordt - na aftrek van commissies - direct verantwoord als verplichting ('deposit accounting'). Commissies worden in de resultatenrekening verantwoord als commissiebaten.

Eerste negen maanden 2013 Eerste negen maanden 2012
Bruto premies Leven 3.509,9 4.085,9
Afgegeven herverzekeringspremies - 70,6 - 66,7
Netto premies Leven 3.439,3 4.019,2

Niet-leven

Hieronder wordt een overzicht gegeven van de opbouw van de verzekeringspremies Niet-leven. De verzekeringspremies voor auto-, brand- en overige verzekeringen zijn samengevoegd onder Overige Niet-leven.

Eerste negen maanden 2013 Ongevallen en
Ziekte
Overige
Niet-leven
Totaal
Bruto geboekte premies 639,9 2.789,5 3.429,4
Wijziging in niet-verdiende premies, bruto - 20,3 15,9 - 4,4
Bruto verdiende premies 619,6 2.805,4 3.425,0
Afgegeven herverzekeringspremies - 23,9 - 179,0 - 202,9
Aandeel herverzekeraars in niet-verdiende premies 2,8 2,8
Netto verdiende premies Niet-leven 598,5 2.626,4 3.224,9
Eerste negen maanden 2012
Bruto geboekte premies 600,8 2.731,2 3.332,0
Wijziging in niet-verdiende premies, bruto - 12,8 - 75,9 - 88,7
Bruto verdiende premies 588,0 2.655,3 3.243,3
Afgegeven herverzekeringspremies - 14,8 - 160,5 - 175,3
Aandeel herverzekeraars in niet-verdiende premies - 2,7 1,6 - 1,1
Netto verdiende premies Niet-leven 570,5 2.496,4 3.066,9

De verdeling van de netto verdiende premies per segment is als volgt:

Ongevallen en Overige
Eerste negen maanden 2013 Ziekte Niet-leven Totaal
België 370,4 952,8 1.323,2
VK 59,4 1.543,6 1.603,0
Continentaal Europa 168,7 130,0 298,7
Netto verdiende premies Niet-leven 598,5 2.626,4 3.224,9
Eerste negen maanden 2012
België 361,8 907,1 1.268,9
VK 41,3 1.468,1 1.509,4
Continentaal Europa 167,4 121,2 288,6
Netto verdiende premies Niet-leven 570,5 2.496,4 3.066,9

20 RENTEBATEN, DIVIDEND EN OVERIGE BELEGGINGSBATEN

De onderstaande tabel geeft een specificatie van de rentebaten, dividend en de overige beleggingsbaten.

Eerste negen Eerste negen
maanden 2013 maanden 2012
Rentebaten
Rentebaten op geldmiddelen en kasequivalenten 4,6 8,8
Rentebaten uit vorderingen op banken 59,4 111,1
Rentebaten op beleggingen 1.581,9 1.581,3
Rentebaten uit vorderingen op klanten 120,1 103,1
Rentebaten uit derivaten aangehouden voor handelsdoeleinden 5,2 8,5
Overige rentebaten 20,1 16,3
Totaal rentebaten 1.791,3 1.829,1
Dividenden op aandelen 68,0 55,5
Huurbaten uit vastgoedbelegging 169,3 140,1
Opbrengsten parkeergarage 212,6 205,1
Overige baten op beleggingen 33,6 51,2
Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten 2.274,8 2.281,0

21 RESULTAAT OP VERKOOP en HERWAARDERING-

EN

De onderstaande tabel geeft een specificatie van het Resultaat op verkoop en herwaarderingen:

Eerste negen Eerste negen
maanden 2013 maanden 2012
Obligaties aangehouden voor verkoop 46,6 159,8
Aandelen aangehouden voor verkoop 54,6 23,0
Derivaten aangehouden voor handelsdoeleinden - 6,3 - 28,8
Vastgoedbeleggingen 32,9 18,5
Gerealiseerde winst op de verkoop van
aandelen van dochtermaatschappijen - 2,3
Beleggingen in geassocieerde deelnemingen - 0,1
Materiële vaste activa 0,1 0,2
Activa en verplichtingen tegen reële
waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening 3,8 24,3
Afdekkingsresultaten 0,4
Overige 13,6 131,2
Totaal Resultaat op verkoop en herwaarderingen 145,6 325,9

De initiële waardering van derivaten is de aanschafprijs van het financiële instrument, inclusief met de aanschaf gepaard gaande transactiekosten. Na de initiële waardering vindt waardering plaats tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening.

Alle wijzigingen in de reële waarde van activa en verplichtingen die worden gehouden tegen reële waarde met waardeveranderingen in de resultatenrekening worden hierboven verantwoord. Inbegrepen zijn zowel ongerealiseerde winsten en verliezen door herwaardering als gerealiseerde winsten en verliezen bij het verkopen van activa of het voldoen van verplichtingen.

De resultaten van afdekking bevatten de wijzigingen in de reële waarde die kunnen worden toegewezen aan het afgedekte risico, in de meeste gevallen het renterisico, van afgedekte activa en verplichtingen en de wijziging in reële waarde van de afdekkingsinstrumenten.

De regel Overige betreft voornamelijk de Tier 1 obligatielening in 2012 aan BNP Paribas Fortis SA/NV. Ageas moest in 2011 de obligatiehouders tegen nominale waarde terugbetalen terwijl de reële waarde op dat moment lager lag (verlies EUR 189 miljoen). In 2012 heeft BNP Paribas Fortis SA/NV de lening nominaal opgevraagd en is een winst van EUR 128,5 miljoen gerealiseerd.

22 SCHADELASTEN EN UITKERINGEN

De opbouw van de Schadelasten en uitkeringen verantwoord in de resultatenrekening is als volgt:

Eerste negen
maanden 2013
Eerste negen
maanden 2012
Levensverzekeringen 4.177,7 4.752,3
Niet-levensverzekeringen 2.106,8 2.091,8
Algemeen en eliminaties - 0,9 - 0,4
Totaal schadelasten en uitkeringen, netto 6.283,6 6.843,7

De volgende tabel toont de netto schadelasten en uitkeringen Leven, na herverzekering:

Eerste negen Eerste negen
maanden 2013 maanden 2012
Uitkeringen en afkopen, bruto 3.714,4 3.496,0
Wijzigingen verplichtingen levensverzekering, bruto 504,6 1.294,3
Totaal schadelasten en uitkeringen Leven, bruto 4.219,0 4.790,3
Aandeel herverzekeraars in schadelasten en uitkeringen - 41,3 - 38,0
Totaal schadelasten en uitkeringen Leven, netto 4.177,7 4.752,3

De volgende tabel toont de netto schadelasten en uitkeringen Niet-leven, na herverzekering:

Eerste negen
maanden 2013
Eerste negen
maanden 2012
Schaden, bruto 2.036,0 1.853,9
Wijzigingen in verplichtingen
inzake verzekeringscontracten, bruto 154,9 289,9
Totaal schadelasten en uitkeringen Niet-leven, bruto 2.190,9 2.143,8
Aandeel herverzekeraars in wijziging
in verplichtingen inzake verzekeringscontracten - 25,8 3,5
Aandeel herverzekeraars in betaalde schaden - 58,3 - 55,5
Totaal schadelasten en uitkeringen Niet-leven, netto 2.106,8 2.091,8

23 FINANCIERINGS-LASTEN

De onderstaande tabel toont de Financieringslasten naar product.

Eerste negen maanden 2013 Eerste negen maanden 2012
Financieringslasten
Schuldbewijzen 5,8 7,5
Achtergestelde schulden 100,3 119,4
Leningen - verschuldigd aan banken 20,2 27,6
Overige leningen 11,1 6,3
Derivaten 3,1 7,0
Overige schulden 42,7 27,7
Totaal financieringslasten 183,2 195,5

24 WIJZIGINGEN IN DE BIJZONDERE WAARDE-VERMINDERINGEN

De Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen kunnen als volgt worden gespecificeerd:

Eerste negen Eerste negen
maanden 2013 maanden 2012
Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen op:
Beleggingen in aandelen en overige beleggingen 16,3 88,9
Vastgoedbeleggingen 12,6 - 0,6
Leningen aan banken - 0,5
Leningen aan klanten 2,4 4,9
Herverzekering en overige vorderingen 0,7 1,6
Materiële vaste activa 1,9 - 0,8
Goodwill en overige immateriële vaste activa 6,8 1,3
Overlopende rente en overige activa 5,9
Totaal wijzigingen in
bijzondere waardeverminderingen 46,1 95,3

TOELICHTING OP DE SEGMENT - RAPPORTAGE

25 SEGMENT-INFORMATIE

25.1 Algemene informatie

Ageas heeft de organisatiestructuur gebaseerd op een slagvaardig Executive Committee (ExCo) en een Management Committee dat bestaat uit het Executive Committee, de Chief Operating Officer, de Chief Executive Officers van de vier geografische regio's en de Group Risk Officer.

Operationele segmenten

Ageas is georganiseerd in vijf operationele segmenten (zie verder voor meer details):

  • België;
  • Verenigd Koninkrijk (VK);
  • Continentaal Europa;
  • Azië;
  • Algemene Rekening.

Ageas is van mening dat de meest gepaste wijze van rapportering van de operationele segmenten onder IFRS gebaseerd is op de regio's waarin Ageas opereert: België, Verenigd Koninkrijk, Continentaal Europa en Azië. Verder rapporteert Ageas activiteiten die niet verband houden met kernverzekeringsactiviteiten zoals groep finance en andere holdingactiviteiten in de Algemene Rekening als een separaat operationeel segment.

De segmentrapportage van Ageas op basis van IFRS geeft de volledige economische bijdrage van de operationele segmenten van Ageas weer. Het doel van deze rapportage is het direct alloceren van alle balans- en resultatenrekeningposten aan die operationele segmenten die hiervoor de volledige managementverantwoordelijkheid dragen.

Transacties tussen de verschillende operationele segmenten vinden plaats tegen marktconforme condities.

Allocatieregels

In overeenstemming met het businessmodel van Ageas verantwoorden de verzekeringsmaatschappijen de ondersteunende activiteiten direct in de werkmaatschappij.

Het alloceren van balansposten aan operationele segmenten geschiedt op basis van een bottom-up aanpak, gebaseerd op aan externe klanten verkochte producten.

Voor de balansposten die niet gerelateerd zijn aan externe klanten verkochte producten wordt een op maat gemaakte methode gehanteerd, aangepast aan het specifieke businessmodel van elk gerapporteerd segment.

25.2 België

De Belgische verzekeringsactiviteiten, sinds juni 2009 onder de naam AG Insurance, hebben een lange bestaansgeschiedenis. De onderneming heeft ongeveer 3,5 miljoen klanten en genereert een premie-inkomen van EUR 3,9 miljard. 68% van het premieinkomen komt uit Leven, de rest uit Niet-Leven. AG Insurance is ook 100% eigenaar van AG Real Estate dat is uitgegroeid tot de grootste vastgoedmaatschappij in België.

AG Insurance richt zich op particulieren en kleine, middelgrote en grote bedrijven. AG Insurance biedt een uitgebreid assortiment producten aan in Leven- en Niet-Leven, dat via verschillende kanalen wordt verkocht: via meer dan 3.000 onafhankelijke makelaars en via de bankkanalen van BNP Paribas Fortis SA/NV en dochterondernemingen. AG Employee Benefits is de entiteit die zich toespitst op de verkoop van collectieve en zorgverzekeringsproducten, voornamelijk aan grotere ondernemingen. Sinds mei 2009 is BNP Paribas Fortis SA/NV 25% eigenaar van AG Insurance.

25.3 Verenigd Koninkrijk (VK)

In het Verenigd Koninkrijk is Ageas marktleider in verzekeringsoplossingen Niet-Leven; in 2008 werden verwante nieuwe levensverzekeringsactiviteiten gelanceerd. Ageas is in het Verenigd Koninkrijk sterk vertegenwoordigd in particuliere verzekeringen en werkt aan de uitbreiding van bedrijfsverzekeringen. De onderverdeling is circa 82% particuliere verzekeringen, 16% bedrijfsverzekeringen en 2% Leven. De activiteiten in het Verenigd Koninkrijk zijn affinity-partner van een aantal sterke merknamen zoals Tesco Bank, John Lewis Partnership, Age UK en Toyota (GB) Limited. In het Verenigd Koninkrijk wordt een multichannel-distributiestrategie gehanteerd met makelaars, affinity-partners en eigen distributie. Onder haar volledige dochterondernemingen bevinden zich Ageas 50 (voormalig RIAS en Castle Cover), die meer dan een miljoen klanten hebben in het groeiende marktsegment van 50-plussers, en Ageas Insurance Solutions, die 'white label'-oplossingen biedt aan affinity-partners, outsourcingdiensten en rechtstreeks via het internet producten promoot van het eigen merk.

Acquisities in de afgelopen paar jaar (de succesvolle start van Tesco Underwriting, het samenwerkingsverband met Tesco Bank (49%), en de integratie van de overgenomen activiteiten van Kwik-Fit Insurance Services) hebben de diverse marktposities van Ageas in het Verenigd Koninkrijk verder versterkt. Ageas heeft in november 2012 daarnaast Groupama Insurance Company Limited (GICL) overgenomen. De overname heeft de marktpositie van Ageas UK versterkt en Ageas is hiermee de vijfde grootste schadeverzekeraar in het Verenigd Koninkrijk (marktaandeel 5,2%) geworden; de vierde grootste in particuliere autoverzekeringen (marktaandeel 11,7%) en de nummer vier in particuliere verzekeringen (marktaandeel 7,1%).

Om inzicht te bieden in de bijdrage van de diverse segmenten, heeft Ageas besloten de resultaten van het Verenigd Koninkrijk op te splitsen in drie deelsegmenten: Leven, Niet-Leven en Overige verzekeringen. Onder Overige verzekeringen vallen de resultaten uit de retailactiviteiten en de kosten van het hoofdkantoor in het Verenigd Koninkrijk.

25.4 Continentaal Europa

Continentaal Europa bestaat momenteel uit de verzekeringsactiviteiten van Ageas in Europa, met uitzondering van België en het Verenigd Koninkrijk. Ageas is in dit segment actief in vijf landen: Portugal, Frankrijk, Italië, Luxemburg en sinds 2011 Turkije en biedt producten aan in Leven (in Portugal, Frankrijk en Luxemburg) en Niet-Leven (Portugal, Italië en Turkije). Dankzij een aantal belangrijke partnerships met bedrijven die een sterke marktpositie hebben zijn deze markten toegankelijker geworden.

In de eerste negen maanden van 2013 had circa 78 % van het premieinkomen betrekking op Leven en 22 % op Niet-Leven.

In Luxemburg fuseerden Ageas en BNP Paribas eind 2011 hun Levenactiviteiten in Cardif Luxembourg Vie, de tweede Levensverzekeraar in Luxemburg. Voorts heeft Ageas sinds augustus 2011 een samenwerkingsverband Niet-Leven met Sabanci in Turkije door het nemen van een belang van 31% in Aksigorta. Daarna hebben Sabanci en Ageas in 2012, ieder hun belang in de onderneming vergroot tot 36%.

25.5 Azië

Ageas is actief in een aantal landen in Azië. Het regionale kantoor en de 100% dochteronderneming bevinden zich in Hongkong. De andere activiteiten zijn georganiseerd in de vorm van joint ventures met lokale marktleiders en financiële instellingen in China (20-24,9% eigendom), Maleisië (30,95% eigendom), Thailand (15-31% eigendom) en India (26% eigendom). Ageas rapporteert op geconsolideerde basis over de dochteronderneming in Hongkong, terwijl de andere ondernemingen als geassocieerde deelnemingen worden verantwoord.

25.6 Algemene Rekening

De Algemene Rekening omvat activiteiten die geen verband houden met de kernactiviteit verzekeren, zoals groepsfinancieringen en andere activiteiten van de houdstermaatschappij(en). Onder de Algemene Rekening vallen tevens de investering in Royal Park Investments, de verplichtingen uit hoofde van de CASHES (RPN(I) en de geschreven putoptie.

25.7 Balans per operationeel segment

Continentaal
30 september 2013 België VK Europa Azië Algemeen Eliminaties Totaal
Activa
Geldmiddelen en kasequivalenten 524,6 332,2 399,8 77,4 840,0 2.174,0
Financiële beleggingen 49.271,3 3.342,3 7.698,8 1.686,8 74,6 - 11,2 62.062,6
Vastgoedbeleggingen 2.328,9 22,0 0,4 2.351,3
Leningen 4.241,5 6,9 344,7 240,4 2.138,5 - 1.058,5 5.913,5
Beleggingen inzake unit-linked contracten 6.300,5 7.179,3 633,9 - 70,6 14.043,1
Beleggingen in geassocieerde deelnemingen 256,5 256,0 827,3 258,3 7,2 1.605,3
Herverzekering en overige vorderingen 814,9 1.006,3 213,2 66,4 3,5 - 6,8 2.097,5
Actuele belastingvorderingen 16,8 21,5 1,9 40,2
Uitgestelde belastingvorderingen 19,0 39,3 33,8 92,1
Call optie op BNP Paribas aandelen
Overlopende rente en overige activa 1.350,4 492,1 263,0 310,9 37,5 - 19,0 2.434,9
Materiële vaste activa 993,8 78,4 5,4 3,9 1,0 1.082,5
Goodwill en overige immateriële vaste activa 344,7 261,5 447,8 380,1 0,1 1.434,2
Activa aangehouden voor verkoop 238,4 238,4
Totaal activa 66.701,3 5.580,5 16.865,7 4.227,5 3.353,5 - 1.158,9 95.569,6
Verplichtingen
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven 21.926,7 118,6 2.704,9 1.321,9 - 3,4 26.068,7
Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven 24.633,0 4.158,0 0,9 28.791,9
Verplichtingen inzake unit-linked contracten 6.300,5 7.176,1 633,9 14.110,5
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven 3.526,5 3.370,7 708,2 7.605,4
Schuldbewijzen 123,1 123,1
Achtergestelde schulden 885,8 168,8 28,0 1.548,4 - 699,1 1.931,9
Leningen 1.862,0 251,8 26,7 470,1 185,1 - 430,1 2.365,6
Actuele belastingschulden 32,2 11,9 8,9 9,4 0,4 62,8
Uitgestelde belastingschulden 995,6 25,9 50,5 1.072,0
RPN(I) 279,0 279,0
Overlopende rente en overige verplichtingen 1.446,6 384,8 156,2 106,2 306,8 - 24,8 2.375,8
Voorzieningen 15,8 12,8 12,1 12,8 53,5
Verplichting inzake geschreven putoptie 1.093,0 1.093,0
Verplichtingen met betrekking tot activa aangehouden voor verkoop 26,3 26,3
Totaal verplichtingen 61.651,0 4.345,3 15.029,6 2.542,4 3.548,6 - 1.157,4 85.959,5
Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders 3.690,8 1.126,5 1.190,6 1.685,1 1.035,2 - 1,5 8.726,7
Minderheidsbelangen 1.359,5 108,7 645,5 - 1.230,3 883,4
Totaal eigen vermogen 5.050,3 1.235,2 1.836,1 1.685,1 - 195,1 - 1,5 9.610,1
Totaal verplichtingen en eigen vermogen 66.701,3 5.580,5 16.865,7 4.227,5 3.353,5 - 1.158,9 95.569,6
Aantal werknemers (FTE) 6.103 5.396 1.072 410 116 13.097
Continentaal
31 december 2012 België VK Europa Azië Algemeen Eliminaties Totaal 1)
Activa
Geldmiddelen en kasequivalenten 889,0 776,9 284,7 96,9 402,4 2.449,9
Financiële beleggingen 50.118,8 2.966,5 7.772,8 1.613,0 112,3 - 11,6 62.571,8
Vastgoedbeleggingen 2.391,6 23,5 0,4 2.415,5
Leningen 3.748,3 56,8 485,4 125,1 3.130,9 - 1.258,1 6.288,4
Beleggingen inzake unit-linked contracten 6.035,2 7.166,2 566,7 - 84,2 13.683,9
Beleggingen in geassocieerde deelnemingen 127,5 272,9 825,1 890,1 8,0 2.123,6
Herverzekering en overige vorderingen 736,6 937,1 226,7 68,3 4,0 - 4,7 1.968,0
Actuele belastingvorderingen 1,0 8,4 9,4
Uitgestelde belastingvorderingen 18,1 39,8 34,2 79,6 171,7
Call optie op BNP Paribas aandelen 234,0 234,0
Overlopende rente en overige activa 1.489,1 495,5 243,9 279,6 81,3 - 33,0 2.556,4
Materiële vaste activa 1.035,8 68,1 5,7 4,0 1,4 1.115,0
Goodwill en overige immateriële vaste activa 364,9 268,1 465,0 400,0 0,1 1.498,1
Totaal activa 66.955,9 5.617,2 16.981,0 3.979,1 4.936,1 - 1.383,6 97.085,7
Verplichtingen
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven 21.886,3 93,7 2.654,1 1.282,9 - 2,7 25.914,3
Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven 24.781,0 4.318,8 0,9 29.100,7
Verplichtingen inzake unit-linked contracten 6.035,2 7.165,1 566,7 13.767,0
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven 3.405,7 3.435,5 695,1 7.536,3
Schuldbewijzen 186,8 186,8
Achtergestelde schulden 896,4 173,0 28,0 2.945,8 - 1.127,7 2.915,5
Leningen 1.657,7 242,7 18,2 187,2 76,8 - 214,6 1.968,0
Actuele belastingschulden 20,0 18,0 83,5 7,2 0,4 129,1
Uitgestelde belastingschulden 1.249,4 26,5 55,5 79,5 1.410,9
RPN(I) 165,0 165,0
Overlopende rente en overige verplichtingen 1.572,1 349,4 137,4 97,5 135,9 - 37,2 2.255,1
Voorzieningen 23,5 15,6 12,6 17,4 69,1
Verplichting inzake geschreven putoptie 997,0 997,0
Totaal verplichtingen 61.527,3 4.354,4 15.168,3 2.142,4 4.604,6 - 1.382,2 86.414,8
Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders 3.974,0 1.148,5 1.185,3 1.836,7 1.656,3 - 1,4 9.799,4
Minderheidsbelangen 1.454,6 114,3 627,4 - 1.324,8 871,5
Totaal eigen vermogen 5.428,6 1.262,8 1.812,7 1.836,7 331,5 - 1,4 10.670,9
Totaal verplichtingen en eigen vermogen 66.955,9 5.617,2 16.981,0 3.979,1 4.936,1 - 1.383,6 97.085,7
Aantal werknemers (FTE) 5.970 5.782 1.085 389 109 13.335

1) Per 1 januari 2013 is de herziene standaard IAS 19 'Personeelsbeloningen' in werking getreden. De belangrijkste wijziging in de herziene standaard is de directe opname in het eigen vermogen van 'niet opgenomen actuariële winsten en verliezen' per de ingangsdatum, in plaats van de zogenaamde 'corridor'-benadering. De vergelijkende cijfers over 2012 zijn hiervoor aangepast.

25.8 Resultatenrekening per operationeel segment

Continentaal
Eerste negen maanden 2013 België VK Europa Azië Algemeen Eliminaties Totaal
Baten
- Bruto premies 1) 3.986,2 1.748,3 990,4 214,4 - 0,8 6.938,5
- Wijziging in niet-verdiende premies - 55,2 46,4 4,4 - 4,4
- Afgegeven herverzekeringspremies - 51,1 - 137,8 - 61,8 - 20,0 - 270,7
Netto verdiende premies 3.879,9 1.656,9 933,0 194,4 - 0,8 6.663,4
Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten 1.862,9 78,1 208,1 73,1 96,5 - 43,9 2.274,8
(On)gerealiseerde winst (verlies) op call optie BNP Paribas aandelen - 90,0 - 90,0
Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) - 114,0 - 114,0
Resultaat op verkoop en herwaarderingen 112,7 12,6 23,8 2,0 - 5,5 145,6
Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten 232,8 407,1 - 2,3 - 0,2 637,4
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen - 1,1 27,4 92,7 271,0 - 0,7 389,3
Commissiebaten 72,6 79,9 96,6 45,8 294,9
Overige baten 93,3 60,1 1,3 1,8 2,9 - 12,6 146,8
Totale baten 6.253,1 1.887,6 1.697,3 407,5 160,9 - 58,2 10.348,2
Lasten
- Schadelasten en uitkeringen, bruto - 4.143,7 - 1.166,4 - 923,5 - 176,3 0,9 - 6.409,0
- Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars 16,1 83,2 20,0 6,1 125,4
Schadelasten en uitkeringen, netto - 4.127,6 - 1.083,2 - 903,5 - 170,2 0,9 - 6.283,6
Lasten inzake unit-linked contracten - 244,7 - 404,9 - 4,1 - 653,7
Financieringslasten - 74,1 - 24,6 - 1,6 - 27,3 - 99,5 43,9 - 183,2
Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen - 45,0 - 1,1 - 0,6 - 0,1 0,7 - 46,1
Wijzigingen in voorzieningen - 0,2 0,2 0,1 0,1
Commissielasten - 468,9 - 325,4 - 101,3 - 79,1 - 0,1 - 974,8
Personeelskosten - 353,4 - 178,6 - 53,9 - 23,8 - 13,6 0,7 - 622,6
Overige lasten - 470,7 - 166,5 - 88,7 1,4 - 32,0 11,9 - 744,6
Totale lasten - 5.784,6 - 1.778,1 - 1.554,9 - 303,7 - 145,3 58,1 - 9.508,5
Resultaat voor belastingen 468,5 109,5 142,4 103,8 15,6 - 0,1 839,7
Belastingbaten (lasten) - 135,5 - 18,0 - 38,9 - 2,5 - 0,2 - 195,1
Nettoresultaat over de periode 333,0 91,5 103,5 101,3 15,4 - 0,1 644,6
Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen 86,0 5,0 40,9 131,9
Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders 247,0 86,5 62,6 101,3 15,4 - 0,1 512,7
Totale baten van externe klanten 6.242,0 1.882,3 1.697,1 403,2 123,6 10.348,2
Totale baten intern 11,1 5,3 0,2 4,3 37,3 - 58,2
Totale baten 6.253,1 1.887,6 1.697,3 407,5 160,9 - 58,2 10.348,2
Overige niet-geldelijke lasten anders dan afschrijvingen - 86,2 - 115,8 - 3,6 - 205,6

1) Het bruto premie-inkomen (som van brutopremies en premies inzake beleggingscontracten zonder DPF) kan als volgt worden berekend:

Continentaal
Eerste negen maanden 2013 België VK Europa Azië Algemeen Eliminaties Totaal
Bruto premies 3.986,2 1.748,3 990,4 214,4 - 0,8 6.938,5
Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF 435,6 702,6 126,7 1.264,9
Bruto premie-inkomen 4.421,8 1.748,3 1.693,0 341,1 - 0,8 8.203,4
Continentaal
Eerste negen maanden 2012 België VK Europa Azië Algemeen Eliminaties Totaal
Baten
- Bruto premies 1) 4.764,5 1.696,7 751,0 205,7 - 0,3 7.417,6
- Wijziging in niet-verdiende premies - 54,9 - 35,6 1,8 - 88,7
- Afgegeven herverzekeringspremies - 41,7 - 108,4 - 71,4 - 21,6 - 243,1
Netto verdiende premies 4.667,9 1.552,7 681,4 184,1 - 0,3 7.085,8
Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten 1.830,5 54,1 219,4 60,6 168,7 - 52,3 2.281,0
(On)gerealiseerde winst (verlies) op call optie BNP Paribas aandelen - 221,0 - 221,0
Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) (incl. schikking op RPN(I)/CASHES) - 268,1 - 268,1
Resultaat op verkoop en herwaarderingen 174,4 26,6 8,3 - 6,3 122,9 325,9
Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten 479,4 1.050,6 32,5 1.562,5
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen - 2,2 8,3 90,1 84,7 - 0,5 180,4
Commissiebaten 74,9 101,8 93,1 28,9 298,7
Overige baten 120,1 79,3 5,6 2,1 2,8 - 11,9 198,0
Totale baten 7.345,0 1.814,5 2.066,7 392,0 - 110,0 - 65,0 11.443,2
Lasten
- Schadelasten en uitkeringen, bruto - 4.948,3 - 1.141,2 - 682,8 - 161,8 0,4 - 6.933,7
- Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars 7,3 45,3 26,1 11,3 90,0
Schadelasten en uitkeringen, netto - 4.941,0 - 1.095,9 - 656,7 - 150,5 0,4 - 6.843,7
Lasten inzake unit-linked contracten - 496,2 - 1.022,2 - 37,0 - 1.555,4
Financieringslasten - 77,0 - 10,2 - 3,1 - 16,2 - 141,2 52,2 - 195,5
Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen - 92,2 - 3,4 - 0,2 0,5 - 95,3
Wijzigingen in voorzieningen - 0,2 0,7 0,3 1,3 2,1
- Bijzondere waardevermindering claims op ABN AMRO - 1.962,5 - 1.962,5
- Vrijval voorziening MCS conversie en geschillen met de Nederlandse Staat 2.362,5 2.362,5
Totale impact schikking ABN AMRO 400,0 400,0
Commissielasten - 467,3 - 292,6 - 100,7 - 67,5 - 0,5 - 928,6
Personeelskosten - 336,5 - 169,0 - 51,0 - 22,2 - 11,8 - 0,1 - 590,6
Overige lasten - 481,3 - 116,1 - 84,2 2,7 - 40,1 11,8 - 707,2
Totale lasten - 6.891,7 - 1.683,1 - 1.921,0 - 290,9 207,7 64,8 - 10.514,2
Resultaat voor belastingen 453,3 131,4 145,7 101,1 97,7 - 0,2 929,0
Belastingbaten (lasten) - 161,1 - 32,2 - 47,6 - 2,5 - 28,6 - 272,0
Nettoresultaat over de periode 292,2 99,2 98,1 98,6 69,1 - 0,2 657,0
Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen 76,0 13,3 49,3 138,6
Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders 216,2 85,9 48,8 98,6 69,1 - 0,2 518,4
Totale baten van externe klanten 7.334,9 1.814,5 2.066,7 388,9 - 161,8 11.443,2
Totale baten intern 10,1 3,1 51,8 - 65,0
Totale baten 7.345,0 1.814,5 2.066,7 392,0 - 110,0 - 65,0 11.443,2
Overige niet-geldelijke lasten anders dan afschrijvingen - 141,3 - 87,4 - 0,4 - 229,1

1) Het bruto premie-inkomen (som van bruto premies en premies inzake beleggingscontracten zonder DPF) kan als volgt worden berekend:

Continentaal
Eerste negen maanden 2012 België VK Europa Azië Algemeen Eliminaties Totaal
Bruto premies 4.764,5 1.696,7 751,0 205,7 - 0,3 7.417,6
Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF 271,6 385,2 107,4 764,2
Bruto premie-inkomen 5.036,1 1.696,7 1.136,2 313,1 - 0,3 8.181,8

25.9 Balans gesplitst in Leven, Niet-leven en Overige verzekeringen

Overige
30 september 2013 Leven Niet-leven verzekeringen Algemeen Eliminaties Totaal
Activa
Geldmiddelen en kasequivalenten 811,3 469,2 53,5 840,0 2.174,0
Financiële beleggingen 54.697,6 7.300,8 0,8 74,6 - 11,2 62.062,6
Vastgoedbeleggingen 2.135,0 216,3 2.351,3
Leningen 4.525,8 307,7 128,9 2.138,5 - 1.187,4 5.913,5
Beleggingen inzake unit-linked contracten 14.113,7 - 70,6 14.043,1
Beleggingen in geassocieerde deelnemingen 1.048,8 291,0 258,3 7,2 1.605,3
Herverzekering en overige vorderingen 725,2 1.223,7 260,8 3,5 - 115,7 2.097,5
Actuele belastingvorderingen 14,8 22,6 2,8 40,2
Uitgestelde belastingvorderingen 31,2 54,9 6,0 92,1
Call optie op BNP Paribas aandelen
Overlopende rente en overige activa 1.731,7 672,6 14,7 37,5 - 21,6 2.434,9
Materiële vaste activa 904,7 160,7 16,1 1,0 1.082,5
Goodwill en overige immateriële vaste activa 1.026,5 156,1 251,5 0,1 1.434,2
Activa aangehouden voor verkoop 212,5 25,9 238,4
Totaal activa 81.978,8 10.901,5 735,1 3.353,5 - 1.399,3 95.569,6
Verplichtingen
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven 26.072,1 - 3,4 26.068,7
Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven 28.791,9 28.791,9
Verplichtingen inzake unit-linked contracten 14.110,5 14.110,5
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven 7.605,4 7.605,4
Schuldbewijzen 123,1 123,1
Achtergestelde schulden 837,4 254,9 119,1 1.548,4 - 827,9 1.931,9
Leningen 2.195,9 191,4 223,3 185,1 - 430,1 2.365,6
Actuele belastingschulden 40,5 18,5 3,4 0,4 62,8
Uitgestelde belastingschulden 946,6 125,4 1.072,0
RPN(I) 279,0 279,0
Overlopende rente en overige verplichtingen 1.381,3 669,4 154,7 306,8 - 136,4 2.375,8
Voorzieningen 16,5 24,1 0,1 12,8 53,5
Verplichting inzake geschreven putoptie 1.093,0 1.093,0
Verplichtingen met betrekking tot activa aangehouden voor verkoop 24,1 2,2 26,3
Totaal verplichtingen 74.416,8 8.891,3 500,6 3.548,6 - 1.397,8 85.959,5
Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders 5.889,1 1.569,4 234,5 1.035,2 - 1,5 8.726,7
Minderheidsbelangen 1.672,9 440,8 - 1.230,3 883,4
Totaal eigen vermogen 7.562,0 2.010,2 234,5 - 195,1 - 1,5 9.610,1
Totaal verplichtingen en eigen vermogen 81.978,8 10.901,5 735,1 3.353,5 - 1.399,3 95.569,6
Aantal werknemers (FTE) 5.063 5.402 2.516 116 13.097
Overige
31 december 2012 Leven Niet-leven verzekeringen Algemeen Eliminaties Totaal 1)
Activa
Geldmiddelen en kasequivalenten 1.170,8 832,5 44,2 402,4 2.449,9
Financiële beleggingen 55.466,9 7.003,4 0,8 112,3 - 11,6 62.571,8
Vastgoedbeleggingen 2.197,6 217,9 2.415,5
Leningen 4.101,2 314,4 132,0 3.130,9 - 1.390,1 6.288,4
Beleggingen inzake unit-linked contracten 13.768,1 - 84,2 13.683,9
Beleggingen in geassocieerde deelnemingen 938,9 286,6 890,1 8,0 2.123,6
Herverzekering en overige vorderingen 630,8 1.149,8 281,3 4,0 - 97,9 1.968,0
Actuele belastingvorderingen 5,5 1,6 2,3 9,4
Uitgestelde belastingvorderingen 33,2 55,6 3,3 79,6 171,7
Call optie op BNP Paribas aandelen 234,0 234,0
Overlopende rente en overige activa 1.996,9 479,2 34,8 81,3 - 35,8 2.556,4
Materiële vaste activa 953,0 143,8 16,8 1,4 1.115,0
Goodwill en overige immateriële vaste activa 1.084,4 155,9 257,7 0,1 1.498,1
Totaal activa 82.347,3 10.640,7 773,2 4.936,1 - 1.611,6 97.085,7
Verplichtingen
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven 25.917,0 - 2,7 25.914,3
Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven 29.100,7 29.100,7
Verplichtingen inzake unit-linked contracten 13.767,0 13.767,0
Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-Leven 7.536,3 7.536,3
Schuldbewijzen 186,8 186,8
Achtergestelde schulden 854,3 253,1 122,0 2.945,8 - 1.259,7 2.915,5
Leningen 1.710,2 163,4 232,2 76,8 - 214,6 1.968,0
Actuele belastingschulden 90,7 32,3 5,7 0,4 129,1
Uitgestelde belastingschulden 1.235,0 96,4 79,5 1.410,9
RPN(I) 165,0 165,0
Overlopende rente en overige verplichtingen 1.356,4 733,1 162,9 135,9 - 133,2 2.255,1
Voorzieningen 21,8 29,7 0,2 17,4 69,1
Verplichting inzake geschreven putoptie 997,0 997,0
Totaal verplichtingen 74.053,1 8.844,3 523,0 4.604,6 - 1.610,2 86.414,8
Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders 6.492,5 1.401,8 250,2 1.656,3 - 1,4 9.799,4
Minderheidsbelangen 1.801,7 394,6 - 1.324,8 871,5
Totaal eigen vermogen 8.294,2 1.796,4 250,2 331,5 - 1,4 10.670,9
Totaal verplichtingen en eigen vermogen 82.347,3 10.640,7 773,2 4.936,1 - 1.611,6 97.085,7
Aantal werknemers (FTE) 4.964 5.516 2.746 109 13.335

1) Per 1 januari 2013 is de herziene standaard IAS 19 'Personeelsbeloningen' in werking getreden. De belangrijkste wijziging in de herziene standaard is de directe opname in het eigen vermogen van 'niet opgenomen actuariële winsten en verliezen' per de ingangsdatum, in plaats van de zogenaamde 'corridor'-benadering. De vergelijkende cijfers over 2012 zijn hiervoor aangepast.

25.10 Resultatenrekening gesplitst in Leven, Niet-leven en Overige verzekeringen

Overige
Eerste negen maanden 2013 Leven Niet-leven verzekeringen Algemeen Eliminaties Totaal
Baten
- Bruto premies 1) 3.509,9 3.429,4 - 0,8 6.938,5
- Wijziging in niet-verdiende premies - 4,4 - 4,4
- Afgegeven herverzekeringspremies - 70,6 - 200,1 - 270,7
Netto verdiende premies 3.439,3 3.224,9 - 0,8 6.663,4
Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten 2.003,0 232,7 - 9,3 96,5 - 48,1 2.274,8
(On)gerealiseerde winst (verlies) op call optie BNP Paribas aandelen - 90,0 - 90,0
Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) - 114,0 - 114,0
Resultaat op verkoop en herwaarderingen 119,9 31,2 - 5,5 145,6
Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten 637,6 - 0,2 637,4
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen 84,4 34,6 271,0 - 0,7 389,3
Commissiebaten 200,5 17,3 114,5 - 37,4 294,9
Overige baten 61,7 47,5 61,8 2,9 - 27,1 146,8
Totale baten 6.546,4 3.588,2 167,0 160,9 - 114,3 10.348,2
Lasten
- Schadelasten en uitkeringen, bruto - 4.219,0 - 2.190,9 0,9 - 6.409,0
- Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars 41,3 84,1 125,4
Schadelasten en uitkeringen, netto - 4.177,7 - 2.106,8 0,9 - 6.283,6
Lasten inzake unit-linked contracten - 653,7 - 653,7
Financieringslasten - 95,8 - 26,8 - 9,3 - 99,5 48,2 - 183,2
Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen - 40,7 - 6,0 - 0,1 0,7 - 46,1
Wijzigingen in voorzieningen 0,4 - 0,3 0,1
Commissielasten - 370,5 - 638,2 - 3,3 - 0,1 37,3 - 974,8
Personeelskosten - 286,8 - 250,7 - 72,2 - 13,6 0,7 - 622,6
Overige lasten - 388,3 - 279,3 - 71,4 - 32,0 26,4 - 744,6
Totale lasten - 6.013,1 - 3.308,1 - 156,2 - 145,3 114,2 - 9.508,5
Resultaat voor belastingen 533,3 280,1 10,8 15,6 - 0,1 839,7
Belastingbaten (lasten) - 127,3 - 68,5 0,9 - 0,2 - 195,1
Nettoresultaat over de periode 406,0 211,6 11,7 15,4 - 0,1 644,6
Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen 94,7 37,2 131,9
Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders 311,3 174,4 11,7 15,4 - 0,1 512,7
Totale baten van externe klanten 6.518,9 3.584,8 77,3 167,2 10.348,2
Totale baten intern 27,5 3,4 89,7 - 6,3 - 114,3
Totale baten 6.546,4 3.588,2 167,0 160,9 - 114,3 10.348,2
Overige niet-geldelijke lasten anders dan afschrijvingen - 196,6 - 9,0 - 205,6

1) Het bruto premie-inkomen (som van bruto premies en premies inzake beleggingscontracten zonder DPF) kan als volgt worden berekend:

Overige
Eerste negen maanden 2013 Leven Niet-leven verzekeringen Algemeen Eliminaties Totaal
Bruto premies 3.509,9 3.429,4 - 0,8 6.938,5
Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF 1.264,9 1.264,9
Bruto premie-inkomen 4.774,8 3.429,4 - 0,8 8.203,4
Overige
Eerste negen maanden 2012 Leven Niet-leven verzekeringen Algemeen Eliminaties Totaal
Baten
- Bruto premies 1) 4.085,9 3.332,0 - 0,3 7.417,6
- Wijziging in niet-verdiende premies - 88,7 - 88,7
- Afgegeven herverzekeringspremies - 66,7 - 176,4 - 243,1
Netto verdiende premies 4.019,2 3.066,9 - 0,3 7.085,8
Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten 1.974,2 203,4 - 9,4 168,7 - 55,9 2.281,0
(On)gerealiseerde winst (verlies) op call optie BNP Paribas aandelen - 221,0 - 221,0
Ongerealiseerde winst (verlies) op RPN(I) (incl. schikking op RPN(I)/CASHES) - 268,1 - 268,1
Resultaat op verkoop en herwaarderingen 144,9 58,1 122,9 325,9
Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten 1.562,5 1.562,5
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen 85,5 10,7 84,7 - 0,5 180,4
Commissiebaten 181,5 20,4 136,4 - 39,6 298,7
Overige baten 79,8 70,4 72,2 2,8 - 27,2 198,0
Totale baten 8.047,6 3.429,9 199,2 - 110,0 - 123,5 11.443,2
Lasten
- Schadelasten en uitkeringen, bruto - 4.790,3 - 2.143,8 0,4 - 6.933,7
- Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars 38,0 52,0 90,0
Schadelasten en uitkeringen, netto - 4.752,3 - 2.091,8 0,4 - 6.843,7
Lasten inzake unit-linked contracten - 1.555,4 - 1.555,4
Financieringslasten - 87,5 - 14,1 - 8,5 - 141,2 55,8 - 195,5
Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen - 87,8 - 8,0 0,5 - 95,3
Wijzigingen in voorzieningen 1,1 - 0,3 1,3 2,1
- Bijzondere waardevermindering claims op ABN AMRO - 1.962,5 - 1.962,5
- Vrijval voorziening MCS conversie en geschillen met de Nederlandse Staat 2.362,5 2.362,5
Totale impact schikking ABN AMRO 400,0 400,0
Commissielasten - 377,1 - 590,6 - 0,5 39,6 - 928,6
Personeelskosten - 271,7 - 226,1 - 80,9 - 11,8 - 0,1 - 590,6
Overige lasten - 375,4 - 227,0 - 91,8 - 40,1 27,1 - 707,2
Totale lasten - 7.506,1 - 3.157,9 - 181,2 207,7 123,3 - 10.514,2
Resultaat voor belastingen 541,5 272,0 18,0 97,7 - 0,2 929,0
Belastingbaten (lasten) - 158,4 - 80,0 - 5,0 - 28,6 - 272,0
Nettoresultaat over de periode 383,1 192,0 13,0 69,1 - 0,2 657,0
Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen 89,8 48,8 138,6
Nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders 293,3 143,2 13,0 69,1 - 0,2 518,4
Totale baten van externe klanten 8.022,7 3.426,8 86,3 - 92,6 11.443,2
Totale baten intern 24,9 3,1 112,9 - 17,4 - 123,5
Totale baten 8.047,6 3.429,9 199,2 - 110,0 - 123,5 11.443,2
Overige niet-geldelijke lasten anders dan afschrijvingen - 202,6 - 26,5 - 229,1

1) Het bruto premie-inkomen (som van bruto premies en premies inzake beleggingscontracten zonder DPF) kan als volgt worden berekend:

Overige
Eerste negen maanden 2012 Leven Niet-leven verzekeringen Algemeen Eliminaties Totaal
Bruto premies 4.085,9 3.332,0 - 0,3 7.417,6
Premies inzake beleggingscontracten zonder DPF 764,2 764,2
Bruto premie-inkomen 4.850,1 3.332,0 - 0,3 8.181,8

25.11 Operationeel resultaat Verzekeringen

Voor de analyse van de verzekeringsresultaten maakt Ageas gebruik van het concept operationeel resultaat.

Het operationeel resultaat omvat de premies, commissies en gealloceerde financiële opbrengsten, na aftrek van schadelasten, uitkeringen en operationele lasten. De gerealiseerde winsten en verliezen op beleggingen die bepaalde verzekeringsverplichtingen afdekken, zoals gesepareerde fondsen, maken deel uit van het gealloceerde financiële resultaat. Het beleggingsresultaat, na aftrek van de samenhangende beleggingskosten, wordt gealloceerd naar de diverse Leven en Niet-Leven branches gebaseerd op de beleggingsportefeuilles die de verplichtingen van deze branches afdekken.

De gerealiseerde en ongerealiseerde meerwaarden op de beleggingen, die verantwoord worden in de resultatenrekening en die de verzekeringsverplichting afdekken voor de verschillende activiteiten, worden opgenomen in het operationele resultaat.

De afstemming van het operationele resultaat naar de winst voor belastingen omvat alle opbrengsten en kosten die niet onder de verzekerings- en beleggingscontracten worden verantwoord en derhalve ook niet in het operationele resultaat.

Binnen de diverse verzekeringssegmenten worden de Leven- en Niet-Levenactiviteiten afzonderlijk beheerd. Tot de Leven-activiteiten behoren onder meer verzekeringscontracten die risico's dekken gerelateerd aan leven en overlijden van personen. Het levenbedrijf omvat daarnaast beleggingscontracten met en zonder discretionaire winstdeling (DPF). De Niet-Levenactiviteiten bestaan uit vier onderdelen: Ongevallen- en Ziekteverzekeringen, Autoverzekeringen, Brandverzekeringen en overige schade aan eigendommen (die het risico dekken van schade aan eigendommen dan wel verplichtingen inzake claims) en Overige verzekeringen.

Het operationele resultaat voor de verschillende segmenten en productlijnen en de reconciliatie met de winst voor belastingen wordt hieronder getoond.

Continentaal Totaal
Eerste negen maanden 2013 België VK Europa Azië Algemeen Eliminaties Ageas
Bruto premie-inkomen Leven 2.996,4 78,9 1.358,4 341,1 - 0,8 4.774,0
Bruto premie-inkomen Niet-Leven 1.425,4 1.669,4 334,6 3.429,4
Operationele kosten - 371,1 - 192,6 - 113,3 - 33,3 - 710,3
Operationeel resultaat Leven 309,3 - 3,3 77,9 20,4 404,3
- Ongevallen en ziekte 47,4 - 5,9 21,8 63,3
- Auto 20,0 46,4 2,5 68,9
- Brand en overige schade aan eigendommen 40,1 53,4 - 0,3 93,2
- Overig - 0,1 5,9 4,4 10,2
Operationeel resultaat Niet-Leven 107,4 99,8 28,4 235,6
Operationeel resultaat 416,7 96,5 106,3 20,4 639,9
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen, niet gealloceerd 27,3 94,7 271,0 393,0
Overig niet-technisch resultaat, inclusief brokerage 51,8 13,0 8,8 - 11,3 - 255,4 - 0,1 - 193,2
Resultaat voor belastingen 468,5 109,5 142,4 103,8 15,6 - 0,1 839,7
Key performance indicators
Lasten ratio 36,8% 30,8% 29,5% 0,0% 0,0% 0,0% 33,2%
Schade ratio 60,8% 67,4% 65,0% 0,0% 0,0% 0,0% 64,4%
Combined ratio 97,6% 98,2% 94,5% 0,0% 0,0% 0,0% 97,6%
Operationele kosten Leven in % van het gemiddeld beheerd vermogen Leven 0,37% 29,78% 0,53% 2,30% 0,00% 0,00% 0,50%
Technische voorzieningen 56.386,7 3.489,3 14.747,2 1.956,7 - 3,4 76.576,5
Continentaal Totaal
Eerste negen maanden 2012 België VK Europa Azië Algemeen Eliminaties Ageas
Bruto premie-inkomen Leven 3.674,1 61,1 801,8 313,1 - 0,3 4.849,8
Bruto premie-inkomen Niet-Leven 1.362,0 1.635,6 334,4 3.332,0
Operationele kosten - 356,5 - 162,0 - 108,9 - 33,4 - 660,8
Operationeel resultaat Leven 288,2 - 1,3 83,1 26,7 396,7
- Ongevallen en ziekte 45,5 - 1,3 26,4 70,6
- Auto 27,7 97,7 9,4 134,8
- Brand en overige schade aan eigendommen 24,6 4,0 3,1 31,7
- Overig 0,2 - 0,3 3,3 3,2
Operationeel resultaat Niet-Leven 98,0 100,1 42,2 240,3
Operationeel resultaat 386,2 98,8 125,3 26,7 637,0
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen, niet gealloceerd 8,1 90,1 84,8 183,0
Overig niet-technisch resultaat, inclusief brokerage 67,1 32,6 12,3 - 15,7 12,9 - 0,2 109,0
Resultaat voor belastingen 453,3 131,4 145,7 101,1 97,7 - 0,2 929,0
Key performance indicators
Lasten ratio 36,6% 26,1% 27,3% 30,6%
Schade ratio 62,2% 72,5% 62,6% 67,3%
Combined ratio 98,8% 98,6% 89,9% 97,9%
Operationele kosten Leven in % van het gemiddeld beheerd vermogen Leven 0,37% 0,51% 2,62% 0,51%
Technische voorzieningen 55.167,1 2.735,6 14.816,7 1.785,4 - 3,1 74.501,7

Schaderatio : de kosten van schade, na herverzekering, als percentage van de netto verdiende premies, exclusief interne afhandelingskosten en het oprenten van de verdiscontering van met Leven vergelijkbare producten zoals arbeidsongeschiktheidsverzekeringen.

Lastenratio : de lasten als percentage van de verdiende premies netto na herverzekering. De lasten zijn inclusief de interne schadeafhandelingskosten vermeerderd met nettocommissies ten laste van het boekjaar, minus interne beleggingskosten.

Combined ratio : de som van schade- en lastenratio.

26 VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

26.1 Voorwaardelijke verplichtingen gerelateerd aan juridische procedures

Ageas is, zoals vele andere financiële instellingen, gedaagde met betrekking tot een aantal vorderingen, geschillen en rechtszaken die een gevolg zijn van de normale bedrijfsuitoefening.

Bovendien, als gevolg van de gebeurtenissen en ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden met betrekking tot de voormalige Fortis-groep tussen mei 2007 en oktober 2008 (o.a. acquisitie van delen van ABN AMRO en kapitaalverhoging in oktober 2007, de aankondiging van het versnelde solvabiliteitsplan in juni 2008, de desinvestering van de bankactiviteiten en de Nederlandse verzekeringsactiviteiten in september/oktober 2008) is Ageas betrokken of kan Ageas worden betrokken bij een aantal juridische procedures, evenals administratieve en strafrechtelijke onderzoeken in België en Nederland.

Ageas ontkent in al deze juridische procedures en onderzoeken dat het foutief gehandeld zou hebben en zal elke aantijging voor de rechtbank blijven betwisten. Dergelijke juridische acties tegen Ageas kunnen echter, indien succesvol, uiteindelijk een grote financiële impact op Ageas hebben. Op dit moment is het evenwel niet mogelijk te beoordelen wat de kans van slagen is van die acties, noch de schadevergoeding te kwantificeren die betaald zou moeten worden als deze acties succesvol zouden zijn.

Administratieve procedures ingesteld door de markttoezichthouders in België en Nederland

In Nederland:

Op 5 februari 2010 heeft de AFM ageas SA/NV en ageas N.V. elk een boete opgelegd van EUR 288.000 voor overtredingen van de Wet op het financieel toezicht. Volgens de AFM zijn er op 5 juni 2008 bepaalde onjuiste of misleidende verklaringen afgelegd over de solvabiliteitspositie van Fortis en had Fortis op 14 juni 2008 bekend moeten maken dat de door de Europese Commissie opgelegde voorwaarden (de 'EC Remedies') met zich meebrachten dat de financiële doelstellingen voor 2008 en daarna niet zonder extra maatregelen konden worden gerealiseerd. Dit betekent dat beleggers zouden kunnen beweren in de periode tussen 5 en 25 juni 2008 te hebben gehandeld zonder over volledig correcte informatie te beschikken. Nadat het administratief beroep werd verworpen, tekende Ageas beroep aan tegen de beslissing van de AFM bij de rechtbank te Rotterdam. Op 4 mei 2011 heeft deze rechtbank dit beroep verworpen. Ageas heeft tegen dit vonnis een laatste beroepsmogelijkheid aangetekend bij de bevoegde gerechtelijke instantie in Nederland.

Op 19 augustus 2010 heeft de AFM ageas SA/NV en ageas N.V. elk een additionele boete opgelegd van EUR 144.000 wegens overtreding van de Wet op het financieel toezicht. Volgens de AFM heeft Fortis de beleggers niet tijdig geïnformeerd over haar 'subprime' positie en had zij informatie moeten publiceren over haar 'subprime'-positie en blootstelling (zowel in algemene zin als in de Verenigde Staten, alsmede een uitsplitsing) in de trading update die op 21 september 2007 werd gepubliceerd in verband met de kapitaalverhoging die plaatsvond op 9 oktober 2007. Dit betekent dat beleggers zouden kunnen beweren in de periode vanaf 21 september 2007 te hebben gehandeld op basis van onvolledige informatie. Ageas betwist de beweerde overtredingen. Na afwijzing van het administratief beroep heeft Ageas beroep aangetekend tegen het besluit van de AFM bij de rechtbank van Rotterdam. Op 9 februari 2012 heeft deze rechtbank dit beroep verworpen. Ageas heeft tegen dit vonnis een laatste beroepsmogelijkheid aangetekend bij de bevoegde gerechtelijke instantie in Nederland.

In België:

De Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) heeft een onderzoek ingesteld inzake Fortis' externe communicatie in het tweede kwartaal van 2008. Op 12 april 2012 heeft het directiecomité van de FSMA het door de auditeur opgestelde onderzoeksrapport doorgestuurd naar de sanctiecommissie. Op 17 juni 2013 besliste de sanctiecommissie dat Fortis in de periode mei-juni 2008 te laat of onjuist gecommuniceerd heeft over de voorwaarden die haar door de Europese Commissie waren opgelegd in het kader van de ABN AMRO overname, over haar in het vooruitzicht gestelde solvabiliteit na de volledige integratie van ABN AMRO en over het succes van de NITSH II uitgifte. Daarom legde de sanctiecommissie Ageas een boete op van 500.000 euro. Ageas tekende beroep aan tegen deze beslissing bij het Hof van Beroep in Brussel.

Strafprocedure in België

In België loopt een strafprocedure naar aanleiding van de gebeurtenissen vermeld in de inleiding van dit hoofdstuk. In november 2012 werd een aantal personen in verdenking gesteld door de onderzoeksrechter. In februari 2013 heeft de procureur des Konings de Raadkamer verzocht een aantal personen te verwijzen naar de correctionele rechtbank. Daar verschillende betrokken partijen om aanvullend onderzoek hebben gevraagd, is de hoorzitting voor de Raadkamer uitgesteld naar een nog niet bepaalde datum.

Negatieve bevindingen in deze administratieve procedures en/of de strafprocedure kunnen een impact hebben op bestaande juridische procedures en kunnen leiden tot nieuwe procedures tegen Ageas, met inbegrip van aanspraken op schadevergoeding.

Juridische procedures ingesteld door aandeelhouders of aandeelhoudersverenigingen

Deze procedures in België en Nederland (i) houden (in)direct verband met de transacties in september/oktober 2008 of (ii) beogen de betaling van een schadevergoeding wegens vermeende misleidende communicatie en/of marktmisbruik waaraan Fortis zich schuldig zou hebben gemaakt tussen mei 2007 en oktober 2008.

In Nederland:

Op 16 augustus 2010 hebben de VEB (Vereniging van Effectenbezitters) en bepaalde andere partijen een verzoek ingediend bij de Ondernemingskamer in Amsterdam (i) om een juridische procedure te starten met als doel te laten vaststellen dat bepaalde feiten die vermeld worden in het onderzoeksverslag1 als wanbeleid van Fortis moeten worden beschouwd en (ii) om de kwijting verleend aan Fortis N.V. bestuurders op 29 april 2008 te laten nietig verklaren.

Op 5 april 2012 heeft de Ondernemingskamer de verzoeken van de VEB ten dele afgewezen, maar ook ten dele ingewilligd, en bepaalde onderdelen van het beleid als wanbeleid aangemerkt. Aansluitend heeft de Ondernemingskamer het besluit van de algemene vergadering van Fortis N.V. tot kwijting van de raad van bestuur voor het in 2007 gevoerde beleid vernietigd, voor zover het betrekking heeft op de communicatie omtrent de 'subprime' portefeuille in het prospectus en de trading update. Ageas heeft tegen deze beschikking bij de Hoge Raad hoger beroep aangetekend.

Op 19 januari 2011 heeft de VEB een procedure ingeleid voor de rechtbank van Amsterdam met het verzoek vast te stellen dat diverse mededelingen door Fortis tussen september 2007 en 3 oktober 2008 een schending van het recht vormen door Fortis en door sommige voormalige bestuurders en topmanagers. De VEB kwalificeert elk van deze overtredingen als een onrechtmatige daad van alle of sommige verweerders en stelt dat deze verweerders bijgevolg aansprakelijk zijn voor de schade geleden door een ieder die aandelen kocht gedurende de relevante periode. Onder meer beweert VEB (ten aanzien van Fortis, sommige vroegere bestuurders en topmanagers en ten aanzien van de financiële instellingen die tijdens de kapitaalverhoging zijn opgetreden als zgn. global coördinators en lead managers) dat de informatie over de positie en de blootstelling van Fortis in relatie tot de 'subprime' situatie in het prospectus van 24 september 2007 voor de kapitaalverhoging die plaatsvond op 9 oktober 2007, onjuist en onvolledig was.

Stichting FortisEffect en een aantal personen vertegenwoordigd door Mr. De Gier hebben voor het Gerechtshof van Amsterdam beroep aangetekend tegen het vonnis van de rechtbank van Amsterdam van 18 mei 2011. Dit vonnis verwierp de vordering van de Stichting tot het ongeldig verklaren van de besluiten van de Raad van Bestuur van Fortis in oktober 2008 en de nietigverklaring van de transacties, of de betaling van schadevergoeding als alternatief.

Een aantal personen vertegenwoordigd door Mr. Bos eisen schadevergoeding op grond van beweerde communicatiefouten in 2008. De rechtbank van Utrecht oordeelde op 15 februari 2012 dat Fortis en twee medegedaagden (de voormalige CEO en de voormalige financiële topman) misleidende informatie hebben openbaar gemaakt in de periode tussen 22 mei en 26 juni 2008. De rechtbank vonniste verder dat in een afzonderlijke procedure moet worden beoordeeld of de eisers schade hebben geleden en, in voorkomend geval, de hoogte ervan. In deze context hebben sommige voormalige bestuurders en topmanagers van Fortis de rechter gevraagd de beweerde verplichting van Ageas te erkennen om die personen te vrijwaren tegen schade die zou voortvloeien uit of verband zou houden met de juridische procedures tegen hen uit hoofde van de functies die zij binnen de Fortis groep uitoefenden. Voor het Gerechtshof van Arnhem is beroep aangetekend tegen het vonnis van de rechtbank van Utrecht.

Op 7 juli 2011 heeft de Nederlandse stichting "Stichting Investor Claims Against Fortis" (SICAF) een procedure ingeleid voor de rechtbank van Utrecht op grond van beweerde communicatiefouten door Fortis gedurende de periode 2007-2008. Onder meer beweert de Stichting (ten aanzien van Fortis en twee financiële instellingen) dat de informatie over de positie en de blootstelling van Fortis in relatie tot de 'subprime' situatie in het prospectus van 24 september 2007 voor de kapitaalverhoging die plaatsvond op 9 oktober 2007, onjuist en onvolledig was.

1 Onderzoeksverslag opgedragen door de Ondernemingskamer en publiek gemaakt op 16 juni 2010. Het verslag kan worden geraadpleegd op Ageas' website:

http://www.ageas.com/Documents/NL_final_report_dutch_investigation_201006 16.pdf

Op 3 augustus 2012 heeft dezelfde SICAF, namens en samen met een aantal geїdentificeerde (voormalige) aandeelhouders, een tweede procedure voor de Rechtbank van Utrecht aangespannen tegen dezelfde partijen en bepaalde voormalige Fortis bestuurders en topmanagers, waarbij schadevergoeding wordt gevorderd. De aantijgingen in deze tweede procedure zijn grotendeels gelijk aan de eerste procedure. Aanvullend beweren de eisers dat Fortis in de periode 2007 en 2008 tekortgeschoten is in haar solvabiliteitsbeleid. Momenteel is het onduidelijk of beide procedures zullen worden samengevoegd.

In België:

Een aantal personen vertegenwoordigd door Mr. Modrikamen heeft op 28 januari 2009 een procedure ingeleid voor de Rechtbank van Koophandel in Brussel waarbij oorspronkelijk de vernietiging van de verkoop van ASR aan de Nederlandse staat en de verkoop van Fortis Bank aan de FPIM (en vervolgens aan BNP Paribas) dan wel schadevergoeding werd geëist. Op 8 december 2009 besliste de rechtbank onder meer dat zij niet bevoegd is voor de vorderingen tegen de Nederlandse verweerders. Op 17 januari 2013 bevestigde het Hof van Beroep dit vonnis op dit punt. Tot op heden wordt de procedure ten gronde voor de Rechtbank van Koophandel voortgezet inzake de verkoop van Fortis Bank waarbij de betaling van een schadevergoeding door BNP Paribas aan Ageas en door Ageas aan de eisers wordt nagestreefd.

Een aantal personen rond Deminor International heeft op 13 januari 2010 een procedure ingeleid voor de Rechtbank van Koophandel in Brussel, waarbij ze schadevergoeding nastreven op grond van beweerde onvolledige of misleidende informatieverstrekking door Fortis in de periode mei 2007 tot oktober 2008.

Op 12 september 2012 hebben een (voormalige) Fortis aandeelhouder en de moedermaatschappij ervan een procedure aangespannen voor de Rechtbank van Koophandel in Brussel, waarbij schadevergoeding wordt gevorderd op basis van het beweerde gebrek aan of misleidende informatie van Fortis in de context van de kapitaalverhoging in 2007.

Op 29 april 2013 heeft een aantal personen vertegenwoordigd door Mr. Arnauts een procedure ingeleid voor de Rechtbank van Koophandel in Brussel, waarbij ze schadevergoeding nastreven op grond van beweerde onvolledige of misleidende informatieverstrekking door Fortis in 2007 en 2008. Op 25 juni 2013 werd een gelijkaardige procedure gestart voor dezelfde rechtbank door twee aandeelhouders. Op 19 september 2013 werd een gelijkaardige burgerlijke procedure gestart voor de Rechtbank van Eerste Aanleg in Brussel door een aantal (voormalige) aandeelhouders van Fortis, vertegenwoordigd door Mr Lenssens.

Procedure ingesteld door houders van Mandatory Convertible Securities (MCS)

De MCS uitgegeven in 2007 door Fortis Bank Nederland (Holding) N.V. (nu ABN AMRO Bank N.V.), samen met BNP Paribas Fortis SA/NV, ageas SA/NV en ageas N.V., werden verplicht geconverteerd op 7 december 2010 in 106.723.569 aandelen Ageas. Vóór 7 december 2010 besliste een aantal MCS houders eenzijdig op een algemene vergadering van MCS houders om de vervaldag van de MCS uit te stellen tot 7 december 2030. De gevolgen van deze beslissing werden evenwel opgeschort door de Voorzitter van de Rechtbank van Koophandel te Brussel op verzoek van Ageas. Na 7 december 2010 hebben de voormelde MCS houders de geldigheid van de conversie van de MCS aangevochten. Zij eisten voor de rechtbank de vernietiging van de conversie dan wel een schadevergoeding voor een bedrag van EUR 1,75 miljard. Op 23 maart 2012 heeft de Rechtbank van Koophandel te Brussel Ageas in het gelijk gesteld en alle eisen van de voormalige MCS-houders afgewezen. De omzetting van de MCS in door Ageas uitgegeven aandelen op 7 december 2010 blijft dus rechtsgeldig en er is geen schadevergoeding verschuldigd. Een aantal voormalige MCS houders heeft beroep aangetekend tegen dit vonnis, waarbij een voorlopige schadevergoeding van EUR 350 miljoen en de aanstelling van een expert wordt gevorderd.

Vrijwaringsbedingen

In 2008 hebben de moedermaatschappijen van Fortis aan sommige voormalige topmanagers en bestuurders, bij hun vertrek, een contractuele vrijwaring verleend voor juridische kosten, en in sommige gevallen ook voor de financiële gevolgen van een eventuele gerechtelijke uitspraak in het geval dat tegen deze personen een rechtszaak zou worden aangespannen in verband met hun mandaat binnen de onderneming. Ageas betwist de geldigheid van deze contractuele vrijwaringsbedingen voor zover ze betrekking hebben op de financiële gevolgen van een eventuele gerechtelijke uitspraak.

Voorts heeft Ageas, zoals gebruikelijk bij dat soort transacties, overeenkomsten afgesloten met een aantal financiële instellingen die de plaatsing van Fortis aandelen faciliteerden tijdens de kapitaalverhogingen van 2007 en 2008. Deze overeenkomsten bevatten vrijwaringsbedingen die onder bepaalde voorwaarden voor Ageas verplichtingen tot schadeloosstelling impliceren. Sommige van die financiële instellingen zijn betrokken in de in dit hoofdstuk beschreven juridische procedures.

Algemene opmerkingen

Gezien het feit dat geen van de door de rechtbanken benoemde experts argumenten heeft aangedragen die een nietigverklaring (of gedeeltelijke nietigverklaring) van de beslissingen van de Raad van Bestuur van Fortis in september/oktober 2008 en de daaruit voortvloeiende overeenkomsten en transacties zou kunnen onderbouwen of rechtvaardigen en gezien het feit dat de rechtbank van Amsterdam in twee vonnissen van 18 mei 2011 de eisen van VEB/Deminor en Stichting FortisEffect met betrekking tot deze transacties afwees, acht het management van Ageas het onwaarschijnlijk dat de in dit hoofdstuk beschreven procedures zullen leiden tot een nietigverklaring van deze transacties.

Zonder afbreuk te doen aan specifieke commentaren die hierboven werden gegeven en gezien de verschillende fases en het continu veranderende karakter alsook de inherente onzekerheden en complexiteit van de lopende procedures is het management op dit ogenblik niet in staat om hun merites en gevolgen in te schatten en te bepalen, of de vorderingen tegen Ageas ongegrond zijn of succesvol kunnen worden verdedigd en of deze vorderingen al dan niet zullen resulteren in een significant verlies in de Geconsolideerde Jaarrekening van Ageas. Om die reden worden er geen voorzieningen aangehouden. Ageas zal echter voorzieningen boeken indien en op het ogenblik dat het naar de mening van het management, in overleg met de juridische adviseurs, waarschijnlijk is dat Ageas een betaling

zal moeten doen en het bedrag ervan redelijkerwijze kan worden geschat.

Indien een van deze procedures negatieve gevolgen voor Ageas zou hebben of zou leiden tot de toekenning van een schadevergoeding aan de eisers in verband met miscommunicatie of wanbeheer van de kant van Fortis, dan kan dat belangrijke gevolgen hebben voor de financiële positie van Ageas. Die gevolgen zijn op dit moment niet kwantificeerbaar.

Op basis van de conclusies uit bepaalde in dit hoofdstuk beschreven gerechtelijke uitspraken hebben de verzekeraars van de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering en van de prospectusaansprakelijkheidsverzekering, die de potentiële risico's verzekeren van Ageas en haar bestuurders en functionarissen uit hoofde van de aansprakelijkheidsclaims in de verschillende lopende procedures, laten weten dat deze conclusies zouden kunnen leiden tot een verlies aan verzekeringsdekking uit hoofde van deze polissen. Ageas is het oneens met deze mening die op dit moment onderwerp is van discussie met de verzekeraars.

26.2 Voorwaardelijke verplichtingen inzake hybride instrumenten van voormalige dochterondernemingen

De voormalige werkmaatschappijen van Ageas hebben een aantal hybride instrumenten uitgegeven die leiden tot voorwaardelijke verbintenissen voor ageas SA/NV, omdat deze voormalige moedermaatschappij optrad als garant, codebiteur of een andere ondersteunende overeenkomst tekenden. In de volgende paragrafen worden de voorwaardelijke verplichtingen beschreven die aan deze instrumenten zijn verbonden.

1. CASHES

De CASHES (Convertible And Subordinated Hybrid Equity-linked Securities) vertegenwoordigen 4.447 obligaties voor een totaal nominaalbedrag van EUR 1.112 miljard, uitgegeven door BNP Paribas Fortis SA/NV, met ageas SA/NV als medeschuldenaar.

De obligaties hebben geen vervaldatum en kunnen niet in contanten worden uitbetaald, maar kunnen alleen worden ingewisseld tegen aandelen Ageas. De CASHES worden automatisch omgezet in aandelen Ageas als de koers van het aandeel Ageas gedurende twintig achtereenvolgende beurswerkdagen gelijk is aan of hoger is dan EUR 359,10 (de slotkoers van het aandeel bedroeg per 30 juni 2013, EUR 26,98). De obligaties kunnen ook naar keuze van de obligatiehouder worden omgezet in aandelen Ageas tegen een koers van EUR 239,40 per aandeel. BNP Paribas Fortis SA/NV bezit 4.634.904 aandelen Ageas met het oog op de mogelijke wissel.

De enige verhaalmogelijkheid van de houders van de CASHES tegen elk van de mededebiteuren met betrekking tot de hoofdsom zijn de aandelen Ageas die BNP Paribas Fortis SA/NV aanhoudt; deze aandelen zijn ten gunste van die houders verpand.

BNP Paribas Fortis SA/NV betaalt de coupon per kwartaal tegen een variabele rente van driemaands Euribor + 2,0%, tot de omwisseling van de CASHES in aandelen Ageas. In het geval dat Ageas geen dividend over haar aandelen uitkeert of dat het vastgestelde dividend in enig boekjaar beneden de drempel valt (dividendrendement < 0,5%), of in bepaalde andere omstandigheden, zal de betaling van coupons verplicht plaatsvinden door ageas SA/NV in overeenstemming met de zogenaamde Alternatieve Coupon Vereffenings Methode (ACVM), terwijl BNP Paribas Fortis SA/NV dan aan Ageas instrumenten dient uit te geven die als hybride Tier 1 instrumenten kunnen worden aangemerkt als compensatie voor de coupons die werden betaald door ageas SA/NV. Als de ACVM in werking treedt en het beschikbare toegestane maatschappelijke kapitaal ontoereikend is om ageas SA/NV in staat te stellen de ACVM-verplichting na te komen, wordt de couponbetaling opgeschort tot het moment dat de uitgifte van nieuwe aandelen weer mogelijk is.

2. Schadevergoeding samenhangend met de CASHES

Oorspronkelijk zijn 12.000 CASHES uitgegeven. In januari 2012 bracht BNP Paribas een bod uit op de CASHES tegen een prijs van 47,5% en wisselde vervolgens 7.553 aangeboden CASHES in tegen de onderliggende aandelen Ageas.

Dit bod en de wissel maakten deel uit van een bredere overeenkomst tussen Ageas en BNP Paribas Fortis SA/NV en BNP Paribas. Ageas betaalde EUR 287 miljoen schadevergoeding aan BNP Paribas voor de 63% wissel.

Ageas zal BNP Paribas binnen twee jaar een vergoeding betalen tegen dezelfde voorwaarden zoals bepaald in de overeenkomst als BNP Paribas van de 37% uitstaande CASHES additionele CASHES verkrijgt en inwisselt. Ageas heeft tevens ingestemd BNP Paribas Fortis SA/NV een jaarlijkse vergoeding te betalen die overeenkomt met het bruto-dividend van de aandelen die BNP Paribas Fortis SA/NV nog aanhoudt.

3. Fortis Bank Tier 1-obligatielening 2004

BNP Paribas Fortis SA/NV heeft in 2004 een eeuwigdurende lening ter waarde van EUR 1.000 miljoen uitgegeven, met een Support Agreement aangegaan door de vroegere Fortis moedermaatschappij, nu ageas SA/NV, tegen een coupon van 4,625% tot 27 oktober 2014 en 3-maands Euribor + 1,70% daarna.

De Support Agreement van de moedermaatschappij houdt in dat, indien de solvabiliteit van BNP Paribas Fortis SA/NV beneden een bepaalde drempelwaarde komt of indien BNP Paribas Fortis SA/NV daarvoor kiest, de coupon wordt voldaan volgens de zogenaamde Alternatieve Coupon Vereffenings Methode (ACVM). BNP Paribas Fortis SA/NV zou in dat geval ageas SA/NV moeten compenseren door uitgifte van nieuwe aandelen.

26.3 Overige Voorwaardelijke verplichtingen

Samen met BGL BNP Paribas heeft Ageas Insurance International N.V. een garantie verstrekt aan Cardif Lux Vie S.A. tot EUR 100 miljoen om uitstaande juridische vorderingen te dekken met betrekking tot Fortis Lux Vie S.A., een voormalige dochtermaatschappij van Ageas die eind 2011 is gefuseerd met Cardif Lux International S.A. (zie ook Noot 2 Overnames en desinvesteringen).

27 DERIVATEN

Door dochterondernemingen van Ageas gebruikte derivaten voldoen aan de relevante wet- en regelgeving en de interne richtlijnen van Ageas. Derivaten worden gebruikt om markt- en beleggingsrisico's te beheersen. De dochterondernemingen van Ageas beheersen de risicopositie in de beleggingsportefeuille aan de hand van algemene drempels en doelstellingen. Het belangrijkste doel van deze afgeleide instrumenten is om ongunstige marktbewegingen van geselecteerde effecten of delen van een portefeuille af te dekken. Ageas maakt selectief gebruik van afgeleide financiële instrumenten zoals swaps, opties en termijncontracten ter afdekking voor veranderingen in valutakoersen of de rente in de beleggingsportefeuille..

Belangrijke afdekkingsinstrumenten zijn aandelentermijncontracten, aandelenopties, total return swaps, renteswaps, rentetermijncontracten, valutaswaps en valutatermijncontracten. Ageas kan afdekkingsinstrumenten inzetten voor afzonderlijke transacties (microhedge) of voor een portefeuille van vergelijkbare activa of verplichtingen (portefeuillehedge). Ageas is verplicht te beoordelen of aan de criteria voor hedge accounting is voldaan, in het bijzonder of de afdekkingsrelaties zeer effectief zijn als compensatie voor veranderingen in de reële waarde of de kasstromen tussen het afdekkingsinstrument en wat afgedekt wordt. Ook moet de vereiste afdekkingsdocumentatie worden opgesteld. Bij aanvang is voor alle afdekkingsrelaties akkoord nodig: Ageas moet garanderen dat aan alle afdekkingsvoorwaarden is voldaan en dat de documentatie compleet is. Als er geen formele afdekkingsrelatie kan worden vastgesteld of als dat te lastig is, worden de derivaten verwerkt als voor handelsdoeleinden aangehouden.

Valutacontracten

Futures zijn overeenkomsten die tegen een specifieke prijs en op een specifieke datum in de toekomst moeten worden afgewikkeld en die op diezelfde markten kunnen worden verhandeld. Termijncontracten zijn maatovereenkomsten tussen twee entiteiten die tegen een vandaag overeengekomen prijs op een specifieke datum in de toekomst worden afgewikkeld.

Handelsderivaten

30 september 2013
Reële waarde
31 december 2012
Reële waarde
Nominale
Activa Passiva Nominale
waarde
Activa Passiva waarde
Vreemde valuta contracten
Forwards en futures 14,7 0,2 717,9 19,3 0,4 1.055,6
Totaal 14,7 0,2 717,9 19,3 0,4 1.055,6
Rentecontracten
Swaps 4,9 2,5 505,7 8,9 624,1
Opties 2,1 1.592,0 1,3 2.014,0
Totaal 7,0 2,5 2.097,7 10,2 2.638,1
Effecten/Index contracten
Opties en warrants 0,3 0,6 3,2 10,6
Totaal 0,3 0,6 3,2 10,6
Overige 4,0 103,4 3,1 68,5
Bedrag per einde periode 26,0 2,7 2.919,6 35,8 0,4 3.772,8
Reële waarden ondersteund door waarneembare marktgegevens 2,7 0,2 6,3
Reële waarden verkregen door gebruik van een waarderingsmodel 23,3 2,5 29,5 0,4
Totaal 26,0 2,7 35,8 0,4
Over the counter (OTC) 25,7 2,7 2.919,6 35,8 0,4 3.772,8
Exchange traded 0,3
Totaal 26,0 2,7 2.919,6 35,8 0,4 3.772,8

Hedging derivaten

30 september 2013
Reële waarde
31 december 2012
Reële waarde
Nominale Nominale
Activa Passiva waarde Activa Passiva waarde
Vreemde valuta contracten
Rente en valuta swaps 0,2 3,9 354,4 0,9 3,4 325,0
Totaal 0,2 3,9 354,4 0,9 3,4 325,0
Rentecontracten
Forwards and futures 0,7 5,7 344,3
Swaps 20,1 329,0 28,1 324,7
Opties 1,1 82,2 0,7 82,2
Totaal 1,8 25,8 755,5 0,7 28,1 406,9
Bedrag per einde periode 2,0 29,7 1.109,9 1,6 31,5 731,9
Reële waarden ondersteund door waarneembare marktgegevens
Fair values obtained using a valuation model 2,0 29,7 1,6 31,5
Totaal 2,0 29,7 1,6 31,5
Over the counter (OTC) 2,0 29,7 1.109,9 1,6 31,5 731,9
Totaal 2,0 29,7 1.109,9 1,6 31,5 731,9

28 TOEZEGGINGEN

Ontvangen en gedane toezeggingen waren per 30 september als volgt:

Verplichtingen 30 september 2013 31 december 2012
Ontvangen verplichtingen
Kredietlijnen 271,5 271,5
Overig kredietlijnen 1,7 1,7
Onderpand & garanties ontvangen 3.958,0 3.990,8
Verzekerings gerelateerde rechten en verplichtingen 14,7 14,5
Totaal ontvangen 4.245,9 4.278,5
Verstrekte verplichtingen
Garanties, financieel- en prestatiegerelateerde kredietbrieven 90,1 45,8
Totaal kredietlijnen 426,0 375,7
Beschikbaar -140,1 -102,3
Gebruikt 285,9 273,4
Onderpand & garanties verstrekt 1.644,1 1.397,6
In bewaring gegeven activa en vorderingen 633,7 651,8
Kapitaal rechten en verplichtingen 148,6 244,4
Overige niet in de balans gewaardeerde verplichtingen 627,1 472,2
Totaal verstrekt 3.429,5 3.085,2

Het merendeel van de ontvangen toezeggingen bestaat uit ontvangen zekerheden en garanties, vooral van klanten ontvangen onderpand op woninghypotheken en in mindere mate ook commerciële leningen en leningen aan polishouders.

Gedane toezeggingen bestaan voor het overgrote deel uit gegeven zekerheden en garanties hoofdzakelijk in verband met repo-overeenkomsten, toevertrouwde middelen en vorderingen en verstrekte kredietlijnen.

Er hebben na de balansdatum geen materiële gebeurtenissen plaatsgevonden die noodzaken tot een bijstelling van het Geconsolideerde tussentijds Financieel Verslag van Ageas per 30 september 2013.

29 GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM

BERICHT VAN DE RAAD VAN BESTUUR

De Raad van Bestuur van Ageas is verantwoordelijk voor het opstellen van het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag van Ageas voor de eerste negen maanden van 2013, in overeenstemming met International Financial Reporting Standards zoals aanvaard binnen de Europese Unie, met de Europese Transparantie Richtlijn (2004/109/EC).

De Raad van Bestuur verklaart dat, naar zijn beste weten, het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag van Ageas voor de eerste negen maanden van 2013 een getrouw en juist beeld geeft van de activa, verplichtingen, financiële positie en het resultaat van Ageas en dat de informatie die hierin is opgenomen geen tekortkomingen bevat die het noodzakelijk maken om de reikwijdte van enige berichtgeving significant aan te passen.

De Raad van Bestuur heeft op 5 november 2013 het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag voor de eerste negen maanden van 2013 beoordeeld en goedgekeurd voor publicatie.

Brussel, 5 november 2013

Raad van Bestuur

Voorzitter Jozef De Mey Chief Executive Officer Bart De Smet Bestuurders Steve Broughton

Vicevoorzitter Guy de Selliers de Moranville Richard Jackson Jane Murphy Roel Nieuwdorp Lionel Perl Lucrezia Reichlin Jan Zegering Hadders

BEOORDELINGS VERKLARING

Verslag van de commissaris aan de raad van bestuur van ageas SA/NV omtrent de beoordeling van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie over de periode van negen maanden afgesloten op 30 september 2013

Inleiding

Wij hebben de beoordeling uitgevoerd van de bijgevoegde tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie van Ageas, bestaande uit de geconsolideerde balans per 30 september 2013, de geconsolideerde resultatenrekening en het geconsolideerde overzicht van Overig Comprehensive Income over de periode van negen en drie maanden die op die datum is beëindigd, het geconsolideerde overzicht van wijzigingen in het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht over de periode van negen maanden die op die datum is beëindigd, evenals van de toelichtingen. De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en het weergeven van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse Financiële Verslaggeving" zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Het is onze verantwoordelijkheid een conclusie te formuleren bij de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie op basis van onze beoordeling.

Reikwijdte van een beoordeling

We hebben onze beoordeling uitgevoerd overeenkomstig ISRE 2410, "Beoordeling van tussentijdse financiële informatie, uitgevoerd door de onafhankelijke auditor van de entiteit". Een beoordeling van tussentijdse financiële informatie bestaat uit het vragen van inlichtingen, hoofdzakelijk aan financiële en boekhoudkundige verantwoordelijken, en het uitvoeren van cijferanalyses en andere beoordelingsprocedures. De reikwijdte van een beoordeling is aanzienlijk geringer dan die van een controle uitgevoerd in overeenstemming met de Internationale Controlestandaarden (ISA). Om die reden stelt de beoordeling ons niet in staat de zekerheid te verkrijgen dat wij kennis hebben van alle aangelegenheden van materieel belang die naar aanleiding van een controle mogelijk worden geïdentificeerd. Bijgevolg brengen wij dan ook geen controle-oordeel tot uitdrukking.

Conclusie

Op basis van onze beoordeling is niets onder onze aandacht gekomen dat ons er toe aanzet van mening te zijn dat de bijgevoegde tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële informatie over de periode van negen maanden afgesloten op 30 september 2013 niet in alle van materieel belang zijnde opzichten is opgesteld in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse Financiële Verslaggeving" zoals goedgekeurd door de Europese Unie.

Toelichtende paragraaf

Wij vestigen de aandacht op hoofdstuk 26 van de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie over de negenmaandse periode eindigend op 30 september 2013 waarin is beschreven dat Ageas als gedaagde is betrokken bij verschillende juridische procedures en een aantal administratieve en strafrechtelijke onderzoeken in verband met bepaalde gebeurtenissen en ontwikkelingen welke gedurende de periode mei 2007 tot en met oktober 2008 hebben plaatsgevonden en die kunnen resulteren in financiële verplichtingen voor de vennootschap. Echter, de uiteindelijke uitkomst van deze zaken kan momenteel niet worden bepaald. Deze situatie doet geen afbreuk aan ons oordeel.

Brussel, 5 november 2013 KPMG Bedrijfsrevisoren

Vertegenwoordigd door M. Lange Bedrijfsrevisor