AI assistant
ageas SA/NV — Earnings Release 2011
Nov 9, 2011
3905_rns_2011-11-09_fa69e724-d097-44d4-af66-8b6e9e9e0295.pdf
Earnings Release
Open in viewerOpens in your device viewer
PERSBERICHT
Brussel/Utrecht, 9 november 2011 - 7.30 u.
Gereglementeerde informatie - Resultaten eerste negen maanden 2011
Nettoresultaat Verzekeringen getroffen door onrust op financiële markten; Intrinsieke resultaten blijven solide
- Netto Verzekeringsresultaat naast impact financiële onrust1 (EUR 615 miljoen) EUR 406 miljoen, +22% Inclusief negatieve impact financiële onrust nettoresultaat Verzekeringen EUR 209 miljoen negatief (t.o.v. EUR 334 miljoen positief in 2010)
- Verbetering operationele prestatie Niet-Leven bevestigd Combined ratio op 101,2%, t.o.v. 104.5%
- Premie-inkomen: EUR 12,9 miljard, -6% Premie-inkomen Leven: EUR 9,2 miljard, -16%, in lijn met markttendens Premie-inkomen Niet-Leven: EUR 3,7 miljard, + 33%
- Vermogen onder beheer EUR 70,2 miljard, stabiel t.o.v. eind 2010
Netto groepsresultaat EUR 534 miljoen negatief
- Nettoresultaat Algemene Rekening: EUR 325 miljoen negatief, waarvan EUR 258 miljoen met betrekking op zaken uit het verleden
- 95% van uitstaande Fortis Bank Tier 1 Obligatielening overgenomen voor EUR 953 miljoen, reële waarde 80% van de nominale waarde.
Sterke balans ondanks bijzondere waardeverminderingen
- Sterke solvabiliteit Verzekeringen op 210% ondanks financiële onrust, solvabiliteit groepsniveau op 270%
- Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders gestegen tot EUR 7,9 miljard of EUR 3,15 per aandeel
CEO Bart De Smet:
"In antwoord op de huidige situatie op de financiële markten en meer bepaald de volatiliteit die ook het voorbije kwartaal heeft gekenmerkt, hebben we besloten een verdere bijzondere waardevermindering te boeken op de volledige portefeuille Griekse overheidsobligaties op basis van de reële waarde eind september. Daarnaast werden we eveneens geconfronteerd met een effect op onze Verzekeringsresultaten van de aanzienlijke daling op de aandelenmarkten. Ook het premie-inkomen bleef onder het niveau van vorig jaar omwille van de focus die de bancaire sector momenteel legt op de eigen liquiditeit. Desondanks bleef onze kapitaalbuffer sterk en in lijn met vorige kwartalen en nam het eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders verder toe. Niet-Leven presteert goed en doet het vooral in het VK beter. In België werden de goede resultaten in Autoverzekeringen enigszins overschaduwd door slechte weersomstandigheden maar onze combined ratio's verbeterden ten opzichte van vorig jaar en zijn in lijn met het eerste halfjaar van 2011. We verwachten voor het hele jaar een totaal premie-inkomen in de buurt van het premie-inkomen van 2010 aangezien Niet-Leven de lagere inkomsten van Leven nagenoeg compenseert. Voor wat betreft de financiële resultaten menen we de eerder gegeven vooruitzichten niet te kunnen handhaven, gezien de impact van de bijzondere waardeverminderingen in combinatie met de onzekerheid op de financiële markten,. Het blijf ook moeilijk een nieuwe inschatting te maken van het nettoresultaat over 2011. Desondanks verwachten we dat Ageas, op basis van de sterke balans en netto kaspositie en rekening houdend met de winstgevendheid van de verzekeringsactiviteiten - exclusief bijzondere waardeverminderingen - de aandeelhouders een dividend over het financiële jaar 2011 zal kunnen uitkeren. "
1 De netto-impact van de financiële onrust omvat de bijzondere waardeverminderingen op Griekse overheidsobligaties enop aandelen, na belasting, minderheidsbelangen en winstdeling.
| in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Premie-inkomen (incl. niet-geconsolideerde partnerships) | 12.884,3 | 13.735,5 | - 6% | 3.891,3 | 4.099,5 | - 5% | 4.161,0 |
| - waarvan premie-inkomen van niet-geconsolideerde partnerships | 4.459,6 | 4.487,2 | - 1% | 1.380,6 | 1.263,2 | 9% | 1.414,0 |
| Nettowinst verzekeringen voor minderheidsbelangen | - 308,1 | 435,6 | * | - 445,9 | 203,8 | * | - 41,8 |
| - België | - 436,4 | 276,6 | * | - 470,2 | 157,8 | * | - 76,7 |
| - Verenigd Koninkrijk | 66,4 | 12,2 | * | 36,2 | 5,3 | * | 27,0 |
| - Europa | - 10,2 | 60,7 | * | - 30,3 | 21,7 | * | - 15,6 |
| - Azië | 72,1 | 86,1 | - 16% | 18,4 | 19,0 | - 3% | 23,5 |
| Nettowinst verzekeringen toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 208,7 | 333,7 | * | - 319,6 | 153,2 | * | - 23,6 |
| - België | - 331,0 | 205,3 | * | - 354,1 | 117,4 | * | - 58,5 |
| - Verenigd Koninkrijk | 61,7 | 15,5 | * | 31,3 | 7,2 | * | 25,5 |
| - Europa | - 11,5 | 26,8 | * | - 15,2 | 9,6 | * | - 14,1 |
| - Azië | 72,1 | 86,1 | - 16% | 18,4 | 19,0 | - 3% | 23,5 |
| Nettowinst Algemeen (incl. eliminaties) | - 325,0 | 311,9 | * | - 155,3 | 37,4 | * | 118,4 |
| - Nettowinst Algemeen excl. waarde calloptie | - 77,1 | 355,9 | * | 177,6 | - 39,6 | * | 35,4 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 533,7 | 645,6 | * | - 474,9 | 190,6 | * | 94,8 |
| - Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders excl. waarde calloptie | - 285,9 | 689,6 | * | - 142,1 | 113,6 | * | 11,8 |
| Beheerd vermogen (in miljarden EUR) | 70,2 | 70,1 | 0% | 70,2 | 70,1 | 0% | 70,8 |
| Operationele kosten Leven/beheerd vermogen Leven | 0,45% | 0,52% | 0,46% | 0,51% | 0,53% | ||
| Combined ratio | 101,2% | 104,5% | 101,4% | 102,0% | 99,8% | ||
| Totale solvabiliteitsratio Verzekeringen | 210% | 226% | 210% | 226% | 210% | ||
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (in miljoenen) | 2.578 | 2.475 | 4% | 2.578 | 2.475 | 4% | 2.583 |
| Winst per aandeel (in EUR) | - 0,21 | 0,26 | * | - | |||
| - Winst per aandeel excl. waarde calloptie (in EUR) | - 0,11 | 0,28 | * | - | |||
| Eigen vermogen | 7.927 | 9.649 | - 18% | 7.927 | 9.649 | - 18% | 7.477 |
| - Eigen vermogen excl. waarde calloptie | 7.566 | 8.813 | - 14% | 7.566 | 8.813 | - 14% | 6.783 |
| Netto eigen vermogen per aandeel (in EUR) | 3,15 | 3,90 | - 19% | 3,15 | 3,90 | - 19% | 2,89 |
| - Netto eigen vermogen per aandeel excl. waarde calloptie (in EUR) | 3,01 | 3,56 | - 15% | 3,01 | 3,56 | - 15% | 2,63 |
| Dividend per aandeel (in EUR) | - | - | - | - | - | - | - |
| Rendement op eigen vermogen * | - 11,7% | 8,5% | - | - | - | ||
| - Rendement op eigen vermogen excl. waarde calloptie | - 6,4% | 9,1% | - | - | - |
* Het rendement op het eigen vermogen is berekend op basis van twaalfmaandswinsten en een voortschrijdend gemiddeld nettovermogen van vier kwartalen.
Eerdere kwartaalresultaten berekend als voortschrijdend gemiddelde op basis van nettowinst over 3 maanden.
** Aangepast t.b.v. classificering van Fortis Luxembourg Vie en Ageas Deutschland als "Activa en verplichtingen aangehouden voor verkoop".
| PERSBERICHT |
|---|
| 9 november 2011 |
| Resultaten eerste negen |
| maanden 2011 |
| Meer informatie: |
| INVESTOR RELATIONS |
| Frank Vandenborre |
| +32 (0)2 557 57 33 |
| [email protected] |
| Koen Devos |
MEDIA
Kathleen Steel +32 (0)2 557 57 37 [email protected]
Inhoud
| Hoofdpunten 3 Verzekeringen 3 Algemene Rekening 5 Groep 6 |
|
|---|---|
| Beschrijving van de bedrijfssegmenten 7 België 7 Verenigd Koninkrijk 11 Continentaal Europa 14 Azië 17 Algemene Rekening 20 Beleggingsportefeuille en vermogenspositie 25 |
|
| Disclaimer 27 | |
| Bijlagen 28 Bijlage 1: Geconsolideerde balans op 30 september 2011 28 Bijlage 2: Resultatenrekening 29 Bijlage 3: Vergelijkbare premiegegevens 30 Bijlage 4: Premie-inkomen per regio 32 Bijlage 5: Solvabiliteit per regio 33 Bijlage 6: Overheidsobligatieportefeuille op 30 september 2011 34 |
Hoofdpunten
Het nettoverlies van EUR 534 miljoen van Ageas over de eerste negen maanden valt uiteen in een nettoverlies van EUR 209 miljoen voor Verzekeringen en een nettoverlies van EUR 325 miljoen in de Algemene Rekening. Het nettoresultaat Verzekeringen omvat een netto negatieve impact van EUR 615 miljoen van de aanhoudende financiële onrust over de eerste negen maanden, waarvan EUR 503 miljoen uit de bijzondere waardevermindering op Griekse overheidsobligaties en EUR 112 miljoen van de bijzondere waardevermindering op de aandelenportefeuille als gevolg van de dalende aandelenmarkten. De netto-impact van de financiële onrust buiten beschouwing gelaten, zou het nettoresultaat dit jaar EUR 406 miljoen hebben bedragen tegenover EUR 334 miljoen in 2010, een stijging van 22%.
Het nettoresultaat over het derde kwartaal bedroeg EUR 475 miljoen negatief. Het resultaat van EUR 320 miljoen negatief in Verzekeringen is beïnvloed door de financiële markten, dat van EUR 155 miljoen negatief in de Algemene Rekening draagt een last van EUR 128 miljoen met betrekking tot zaken uit het verleden. De aanpassing tot reële waarde, geschat op 80% van de nominale waarde, van de overgenomen Fortis Bank Tier 1 Obligatielening heeft een negatief effect op het resultaat over de eerste 9 maanden van EUR 190 miljoen. EUR 150 miljoen hiervan beïnvloeden de resultaten van het derde kwartaal.
Verzekeringen
Bijkomende bijzondere waardeverminderingen beïnvloeden resultaat Leven en Niet-Leven, Operationele prestaties Niet-Leven blijven goed
Ageas boekte over de eerste negen maanden een nettoresultaat Verzekeringen na minderheidsbelangen van EUR 209 miljoen negatief, ten opzichte van een nettowinst van EUR 334 miljoen vorig jaar. Het nettoresultaat over het derde kwartaal bedroeg EUR 320 miljoen negatief, waarbij België en Continentaal Europa een nettoverlies boekten van respectievelijk EUR 354 miljoen en EUR 15 miljoen, deels gecompenseerd door een nettowinst in het Verenigd Koninkrijk en Azië van respectievelijk EUR 31 miljoen en EUR 18 miljoen.
De bijkomende bijzondere waardevermindering op Griekse overheidsobligaties weegt voor EUR 754 miljoen bruto en EUR 353 miljoen netto, na winstdeling, belastingen en minderheidsbelangen op de resultaten van België en Continentaal Europa in het derde kwartaal. Over de eerste negen maanden spreken we over EUR 503 miljoen. De Griekse overheidsobligaties staan nu geboekt tegen gemiddeld 38% van de geamortiseerde kostprijs.
De dalendende aandelenmarkten leidden ook tot bijzondere waardeverminderingen op aandelenbeleggingen in de verschillende segmenten, met uitzondering van het VK, met een totale negatieve netto-impact over het derde kwartaal van EUR 85 miljoen en EUR 112 miljoen over de eerste negen maanden. Het totale effect van de bijzondere waardeverminderingen op Griekse overheidsobligaties en op aandelen bedroegen EUR 615 miljoen, waarvan EUR 438 miljoen in het derde kwartaal. In België leidde de volatiliteit op de financiële markten tot een bijkomende aandelenverkoop.
Tegelijk besliste AG Insurance om de portefeuille met vastrentende beleggingen in het derde kwartaal verder in evenwicht te brengen. Deze ingrepen resulteerden samen in een gerealiseerde meerwaarde van EUR 31 miljoen, vooral met effect op de resultaten van Leven in het derde kwartaal.
Het nettoresultaat over de eerste negen maanden van het Levenbedrijf bedroeg EUR 288 miljoen negatief, inclusief een bijzondere waardevermindering (EUR 584 miljoen), ten opzichte van EUR 283 miljoen positief vorig jaar. Het nettoverlies over het derde kwartaal bedroeg EUR 340 miljoen. Terwijl de resultaten in België en Continentaal Europa sterk beïnvloed werden door de gevolgen van de volatiele financiële markten, hielden de Aziatische activiteiten vrij goed stand. Daarnaast omvat het resultaat van België een last van EUR 15 miljoen, ofwel een bijkomende last van EUR 5 miljoen in het derde kwartaal als gevolg van de heffing die de Belgische overheid de verzekeringsindustrie heeft opgelegd.
De Niet-Leven activiteiten boekten een positief nettoresultaat over de eerste negen maanden van EUR 57 miljoen ten opzichte van EUR 41 miljoen vorig jaar, voornamelijk dankzij de goede resultaten in het VK en de Aziatische activiteiten in Maleisië en Thailand. Het nettoresultaat over het derde kwartaal bedroeg EUR 9 miljoen. De operationele prestaties verbeterden verder, vooral in Autoverzekeringen. De zware zomerstormen die België eind augustus teisterden belastten de Brandverzekeringen in België met EUR 12 miljoen, wat het totaal van de weergerelateerde kosten voor dit jaar op EUR 30 miljoen brengt voor België en het VK tegenover EUR 26 miljoen vorig jaar. Deze kosten en de impact van de bijzondere
waardevermindering van Griekse overheidsobligaties (in totaal EUR 31 miljoen) niet meegerekend, verbeterden de intrinsieke operationele prestaties van Niet-Leven aanzienlijk.
De combined ratio van de groep over de eerste negen maanden bedroeg 101,2%, ten opzichte van 104,5% vorig jaar en is vrij stabiel vergeleken met eind juni. De combined ratio bedroeg 101,4% in het derde kwartaal en is iets hoger dan in het tweede kwartaal door de gevolgen van de slechte weersomstandigheden in België. Hierdoor steeg de combined ratio in België naar 105,4% (t.o.v. 102,2% eind juni), gesplitst in een aanhoudende goede combined ratio in Autoverzekeringen van 91,4% en een combined ratio in Brandverzekeringen van 119,7%. In het Verenigd Koninkrijk bleef de combined ratio in het derde kwartaal onder de 100%, namelijk 98,0% en over de eerste negen maanden op 99,9% (t.o.v. 104,9% in 2010). Net als in België presteerde Auto goed met een combined ratio van 96,7%. Exclusief arbeidsongevallen bedroeg de combined ratio van de groep over de eerste negen maanden 99,7%, tegen 102,8% in de eerste negen maanden van 2010.
Het nettoresultaat van het segment Overige verzekeringen, inclusief de distributieactiviteiten in het Verenigd Koninkrijk, is sterk gestegen over de eerste negen maanden: van EUR 9 miljoen vorig jaar naar EUR 23 miljoen, met een nettowinst in het derde kwartaal van EUR 11 miljoen met inbegrip van resultaatsgebonden premies van partners.
Premie-inkomen gedaald in Leven, gestegen in Niet-Leven in alle segmenten
Het totale premie-inkomen bedroeg EUR 12,9 miljard over de eerste negen maanden, een daling van 6% ten opzichte van vorig jaar (EUR 13,7 miljard). Dit is met inbegrip van EUR 4,5 miljard uit de niet-geconsolideerde partnerships tegen 100% in Azië en Continentaal Europa. Het premie-inkomen in het derde kwartaal bedroeg EUR 3,9 miljard ten opzichte van EUR 4,1 miljard vorig jaar (-5%). Het premie-inkomen van het verworven minderheidsbelang in AKsigorta in Turkije is sinds augustus tegen 100% opgenomen.
Het premie-inkomen Leven, met inbegrip van de nietgeconsolideerde partnerships tegen 100%, kwam uit op EUR 9,2 miljard over de eerste negen maanden, 16% lager dan vorig jaar. Het premie-inkomen in de geconsolideerde entiteiten bedroeg EUR 5,3 miljard over de eerste negen maanden, tegen EUR 6,9 miljard vorig jaar. Net als in voorgaande kwartalen blijven Europese en Aziatische banken gefocust op de groei van hun deposito's om meer liquiditeit aan te houden. Het premie-inkomen in België bleef onder het niveau van vorig jaar (-14%) als gevolg van een lagere
verkoop van spaarproducten en een verminderde vraag naar unit-linked producten. In Continentaal Europa blijft het premieinkomen 40% lager ten opzichte van vorig jaar, in lijn met het vorige kwartaal. Ondanks de uitdagende omstandigheden hielden de Aziatische activiteiten vrij goed stand met een iets lager premie-inkomen dan in het derde kwartaal vorig jaar, met uitzondering van Thailand waar het premie-inkomen met meer dan 40% steeg. Het reguliere premie-inkomen steeg met 24% tot EUR 2,9 miljard.
In Niet-Leven stegen de brutopremies verder naar EUR 3,7 miljard (+33%). De stijging is voornamelijk toe te schrijven aan het Verenigd Koninkrijk, maar ook aan Maleisië en de consolidatie van de Niet-Leven activiteiten in Turkije. De Britse activiteiten boekten een premie-inkomen van bijna EUR 1,6 miljard, een stijging van 86%, inclusief een premieinkomen van bijna EUR 600 miljoen van Tesco Underwriting. Exclusief Tesco Underwriting groeiden de Niet-Leven activiteiten in het Verenigd Koninkrijk voornamelijk in Woningen Bedrijfsverzekeringen. In België steeg het premie-inkomen in lijn met voorgaande kwartalen verder dankzij Auto- en Brandverzekeringen. In Continentaal Europa droegen de Turkse activiteiten EUR 66 miljoen bij aan het totale premieinkomen. De brutopremies Niet-Leven in Azië stegen ongeveer 20% dankzij de solide prestaties in Maleisië.
Samenstelling beleggingsportefeuille stabiel, reële waarde sterk gestegen in derde kwartaal
Het totaal vermogen onder beheer van de geconsolideerde entiteiten, exclusief de voor verkoop aangehouden entiteiten (EUR 7,7 miljard van Fortis Luxembourg Vie en Ageas Deutschland) en inclusief Niet-Leven, daalde van EUR 70,8 miljard eind juni naar EUR 70,2 miljard eind september, en bleef nagenoeg stabiel in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. De toename door premie-inkomen en overlopende activa werd gedeeltelijk tenietgedaan door lagere waarden in unit-linked en een lager aantal contractverlengingen. Het vermogen onder beheer Leven van de geconsolideerde activiteiten bedroeg EUR 64,2 miljard. Het vermogen onder beheer Leven van de niet-geconsolideerde partnerships (Azië) bedroeg EUR 17,1 miljard. In lijn met de stijging van het premie-inkomen steeg het vermogen onder beheer Niet-Leven met 5% sinds eind september 2010 en met 17% sinds eind juni 2011 naar EUR 6,0 miljard. Deze stijging is grotendeels toe te schrijven aan de groei van de activiteiten in het Verenigd Koninkrijk.
De beleggingsportefeuille van Ageas bedroeg eind september EUR 59,5 miljard, ten opzichte van EUR 59,8 miljard eind 2010. Deze lichte daling van de reële waarde komt volledig op rekening van de classificering van Fortis Luxembourg Vie,
Intreinco en Ageas Deutschland aangehouden als activa voor verkoop (EUR 0,7 miljard).
Eind september bedroegen de ongerealiseerde meer- en minwaarden van de totale beleggingsportefeuille, inclusief vastgoed, EUR 2,6 miljard positief, ten opzichte van EUR 0,7 miljard positief eind juni en EUR 1,0 miljard positief eind 2010. Deze ontwikkeling komt voornamelijk voort uit de hogere reële waarden van vastrentende waarden, zowel overheids- als bedrijfsobligaties, evenals de impact van de bijzondere waardevermindering op Griekse overheidsobligaties (EUR 1.046 miljoen) en de herklassering van bepaalde Portugese obligaties als "Tot einde looptijd aangehouden" in het eerste halfjaar.
De totale bruto blootstelling aan Zuid-Europese overheidsobligaties ("Voor verkoop beschikbaar" en "Tot einde looptijd aangehouden") tegen de geamortiseerde kostprijs daalde van EUR 8,9 miljard eind 2010 tot EUR 5,4 miljard op 30 september. In het derde kwartaal werden Zuid-Europese (voornamelijk Italiaanse en Spaanse) overheidsobligaties verkocht voor EUR 1,8 miljard tegen geamortiseerde kostprijs. Rekening houdend met de minderheidsbelangen in België en Portugal, bedroeg de totale netto blootstelling op 30 september 2011aan Zuid-Europese overheidsobligaties tegen geamortiseerde kostprijs EUR 3,6 miljard.
Verder nam tengevolge van de dalende aandelenmarkten de reële waarde van de aandelenportefeuille af van EUR 2,3 miljard eind vorig jaar (EUR 2,6 miljard eind juni) naar EUR 1,7 miljard eind september. Het verschil ten opzichte van eind 2010 wordt verklaard door desinvesteringen (EUR 0,4 miljard) en een lagere reële waarde (EUR 0,3 miljard). Vergeleken met eind juni is EUR 0,7 miljard gedesinvesteerd en daalde de reële waarde met EUR 0,1 miljard. Aandelen maken nog steeds 3% uit van de aandelenmix, vastrentende waarden vertegenwoordigen 90% van de totale portefeuille. 94% van de obligatieportefeuille is 'investment grade' en bijna 90% heeft een rating A of hoger.
Voortzetting stroomlijning verzekeringsactiviteiten
Begin oktober kondigde Ageas een overeenkomst aan met Augur Capital over de verkoop van de Duitse Levenactiviteiten. De transactie zal naar verwachting eind 2011 worden afgerond en een beperkt verlies van EUR 13 miljoen tot gevolg hebben, dat in de Algemene Rekening in het derde kwartaal werd opgenomen.
Algemene Rekening
Het nettoresultaat van de Algemene Rekening over de eerste negen maanden bedroeg EUR 325 miljoen negatief. Het resultaat voor het derde kwartaal bedroeg EUR 155 miljoen negatief. De belangrijkste oorzaak blijft de trimestriële waardeaanpassing naar reële waarde van zaken uit het verleden, inclusief de impact van de waardeaanpassing van de overgenomen Fortis Bank Tier 1 Obligatielening. In het derde kwartaal bedroeg de totale negatieve impact van zaken uit het verleden EUR 128 miljoen negatief.
De reële waarde van de RPN(I) passiva daalde aanzienlijk naar EUR 145 miljoen, een positief effect van EUR 438 miljoen als gevolg van een substantiële daling van de marktwaarde van de CASHES van 57,8% eind juni naar 33,2% eind september. Het positieve effect werd deels tenietgedaan door een daling van EUR 333 miljoen van de waarde van de calloptie op aandelen BNP Paribas naar EUR 361 miljoen en een negatief resultaat van EUR 83 miljoen met betrekking tot de investering in Royal Park Investments (RPI). Als gevolg hiervan daalde de waarde van de investering in RPI, met inbegrip van de wijzigingen in de reële waarde van de renteswaps, van EUR 899 miljoen eind juni naar EUR 850 miljoen eind september.
Ten slotte omvat het resultaat van het derde kwartaal van de Algemene Rekening een bijkomende impact van EUR 150 miljoen met betrekking tot de waardebepaling van de Fortis Bank Tier 1 Obligatielening, bovenop de last van EUR 40 miljoen opgenomen in de eerste halfjaarresultaten. Op 26 september verkreeg Ageas, na goedkeuring medio augustus door de Nationale Bank van België, 95%2 van de uitstaande schuld tegen pari voor een totaalbedrag van EUR 953 miljoen. De obligaties zijn geboekt als "Leningen en Vorderingen" hetgeen impliceert dat wijzigingen in de reële waarde geen effect zullen hebben op het nettoresultaat van de Algemene Rekening.
Over de eerste 9 maanden van 2011 bedroeg de netto negatieve impact van de zaken uit het verleden EUR 258 miljoen.
De totale kosten bleven met EUR 38 miljoen over de eerste negen maanden redelijk stabiel ten opzichte van vorig jaar. Het resultaat van de Algemene Rekening omvat eveneens het
2 95% van de houders van de Fortis Bank Tier 1 Obligaties heeft formeel gekozen voor omruiling.
eerder genoemde verlies op de aangekondigde verkoop van de Duitse Leven-activiteiten.
Voorwaardelijke verplichtingen
Voor het volledige overzicht van de Voorwaardelijke verplichtingen wordt verwezen naar noot 28 van het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag per 30 september 2011.
Groep
Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders EUR 3,15 per aandeel
Het eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders bedroeg op 30 september 2011 EUR 7,9 miljard (EUR 3,15 per aandeel) in vergelijking met EUR 7,5 miljard (EUR 2,89 per aandeel) eind juni en EUR 8,2 miljard (EUR 3,19 per aandeel) eind 2010. Vergeleken met eind juni profiteerde het eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders voornamelijk van de stijging van de ongerealiseerde meer- en minwaarden op de beleggingsportefeuille (EUR 0,9 miljard) en positieve wisselkoersreserves (EUR 0,1 miljard), deels teniet gedaan door een slechter resultaat over de eerste negen maanden (-EUR 0,5 miljard) en het inkoopprogramma van eigen aandelen (EUR -0,1 miljard). Dit programma deed het aantal uitstaande aandelen voor de berekening van het eigen vermogen per aandeel dalen, met een positief effect op de ratio.
Zeer sterke solvabiliteitsniveau's op basis van rekenmethodologie van toezichthouder
Ageas heeft besloten om met ingang van het derde kwartaal de solvabiliteitsberekening te baseren op de solvabiliteitsvereisten zoals berekend door de toezichthouder. Dit impliceert onder andere het meetellen van de kapitaalpositie van de Algemene Rekening in de solvabiliteitsratio van de groep. Op 30 september 2011 bedroeg het totale beschikbaar wettelijk kapitaal onder IFRS EUR 9,3 miljard ten opzichte van EUR 9,4 miljard eind juni 2011 en EUR 9,9 miljard eind december 2010, inclusief EUR 2,1 miljard binnen de Algemene Rekening.
Het solvabiliteitsoverschot bedroeg EUR 5,9 miljard, waardoor de solvabiliteitsratio van de groep uitkwam op 270%, nagenoeg stabiel ten opzichte van eind juni. Het totale beschikbare kapitaal van het verzekeringsbedrijf bedroeg EUR 7,2 miljard met een wettelijk vereist solvabiliteitsminimum van EUR 3,5 miljard en een solvabiliteitsratio Verzekeringen van 210% (t.o.v. 208% eind juni en 232% eind 2010). In vergelijking met eind juni steeg de solvabiliteitsratio Verzekeringen enigszins, ondanks de bijzondere waardeverminderingen in het derde kwartaal. In vergelijking met eind 2010 daalde de solvabiliteitsratio Verzekeringen van 232% tot 210% als gevolg van het negatief resultaat, een lagere waarde van de aandelenportefeuille en hogere solvabiliteitseisen. De solvabiliteitsratio's in de business segmenten bleven stabiel: België 176%, het VK 230%, Continentaal Europa 201% en Azië 310%.
Zoals aangekondigd tijdens de Investor Day op 29 september 2011, verlaat Ageas met ingang van het derde kwartaal het concept discretionair kapitaal in de Algemene Rekening ten voordele van de nettokaspositie als indicator voor de strategische flexibiliteit op groepsniveau. De nettokaspositie op 30 september 2011, uitgaande van een volledige aflossing van het European Medium Term Notes (EMTN) programma en inclusief EUR 750 miljoen kortlopende deposito's bij banken, daalde van EUR 2,2 miljard eind 2010 naar EUR 0,8 miljard eind september. Deze daling weerspiegelt voornamelijk de impact van de overname van de Fortis Bank Tier 1 Obligatielening (EUR 953 miljoen), de prijs die werd betaald voor de overname van AKsigorta, dividenduitkeringen en de impact van het inkoopprogramma van eigen aandelen dat in augustus 2011 van start ging.
Ageas bezit 4,6% eigen aandelen door inkoopprogramma van eigen aandelen
In het kader van het op 24 augustus 2011 aangekondigde inkoopprogramma van eigen aandelen voor een totaalbedrag van EUR 250 miljoen, had Ageas per 30 september 69,2 miljoen aandelen teruggekocht, ofwel 2,6% van het totaal aantal uitstaande aandelen. Op 4 november 2011 stond de teller op 120.197.659 aandelen voor een totaalbedrag van EUR 158.601.854 ofwel 4,6% van het totaal aantal uitstaande aandelen. Ageas informeert de markt wekelijks over de voortgang van het inkoopprogramma van eigen aandelen.
Beschrijving van de bedrijfssegmenten
België
| Resultatenrekening - Leven | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| België – Leven - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Brutopremies | 3.080,5 | 3.334,9 | - 8% | 908,2 | 1.063,8 | - 15% | 950,2 |
| Beleggingscontracten zonder discretionaire winstdeling | 224,6 | 489,3 | - 54% | 35,7 | 109,5 | - 67% | 100,5 |
| Bruto premie-inkomen Leven | 3.305,1 | 3.824,2 | - 14% | 943,9 | 1.173,3 | - 20% | 1.050,7 |
| Operationele kosten | - 136,1 | - 132,6 | 3% | - 44,8 | - 43,9 | 2% | - 45,8 |
| Technisch resultaat | 154,7 | 261,4 | - 41% | 45,4 | 74,5 | - 39% | 44,3 |
| Toegerekende meerwaarden | - 544,0 | - 57,3 | * | - 481,3 | 1,7 | * | - 78,6 |
| Operationele marge | - 389,3 | 204,1 | * | - 435,9 | 76,2 | * | - 34,3 |
| Niet-toegerekende overige inkomsten en lasten | - 116,7 | 138,5 | * | - 94,8 | 77,9 | * | - 59,4 |
| Winst voor belastingen | - 506,0 | 342,6 | * | - 530,7 | 154,1 | * | - 93,7 |
| Winstbelastingen | 71,4 | - 91,7 | * | 83,7 | - 42,3 | * | 15,8 |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | - 105,4 | 64,6 | * | - 110,5 | 28,8 | * | - 18,6 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 329,2 | 186,3 | * | - 336,5 | 83,0 | * | - 59,3 |
| Resultatenrekening - Niet-leven | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| België – Niet-leven - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Bruto premie-inkomen Niet-leven | 1.293,1 | 1.231,2 | 5% | 395,0 | 379,5 | 4% | 387,0 |
| Operationele kosten | - 206,6 | - 196,5 | 5% | - 69,4 | - 65,0 | 7% | - 68,4 |
| Technisch resultaat | 43,7 | 22,1 | 97% | 6,5 | 17,3 | - 62% | 14,0 |
| Toegerekende meerwaarden | - 18,3 | - 3,2 | * | - 16,3 | 42,3 | * | - 3,3 |
| Operationele marge | 25,4 | 18,9 | 34% | - 9,8 | 59,6 | * | 10,7 |
| Niet-toegerekende overige inkomsten en lasten | - 13,9 | 16,3 | * | - 11,8 | 8,7 | * | - 6,7 |
| Winst voor belastingen | 11,5 | 35,2 | - 67% | - 21,6 | 68,3 | * | 4,0 |
| Winstbelastingen | - 13,3 | - 9,5 | 41% | - 1,6 | - 22,3 | - 93% | - 2,8 |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | 6,7 | * | - 5,6 | 11,6 | * | 0,4 | |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 1,8 | 19,0 | * | - 17,6 | 34,4 | * | 0,8 |
| Resultatenrekening | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| België – in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Bruto premie-inkomen | 4.598,2 | 5.055,4 | - 9% | 1.338,9 | 1.552,8 | - 14% | 1.437,7 |
| Operationele kosten | - 342,7 | - 329,1 | 4% | - 114,2 | - 108,9 | 5% | - 114,2 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 331,0 | 205,3 | * | - 354,1 | 117,4 | * | - 58,5 |
Premie-inkomen EUR 4,6 miljard (t.o.v. EUR 5,1 miljard in 2010)
- Premie-inkomen over de eerste negen maanden: EUR 3,3 miljard, een daling van 14% t.o.v. vorig jaar door dalende verkoop particuliere spaarproducten en unit-linked producten
- Brutopremies Niet-Leven 5% gestegen tot EUR 1,3 miljard, bevestiging van vorige kwartalen
Nettoresultaat na minderheidsbelangen EUR 331 miljoen negatief (t.o.v. EUR 205 miljoen positief in 2010)
- Bijkomende bijzondere waardeverminderingen in het derde kwartaal van EUR 419 miljoen, waarvan EUR 345 miljoen op Griekse overheidsobligaties en EUR 74 miljoen op aandelen, totale last op beleggingsportefeuille EUR 565 miljoen
- Exclusief uitzonderlijke waardeverminderingen op Griekse overheidsobligaties en aandelen: nettowinst na minderheidsbelangen EUR 234 miljoen
- Nettoresultaat Leven: EUR 329 miljoen negatief (t.o.v. EUR 186 miljoen positief in 2010)
- Nettoresultaat Niet-Leven: EUR 2 miljoen negatief (t.o.v. EUR 19 miljoen positief in 2010). Nettoresultaat in het derde kwartaal omvat een last van EUR 12 miljoen door slechte weersomstandigheden in augustus
- IFRS solvabiliteit blijft robuust op 176%, ondanks bijzondere waardeverminderingen
- Vermogen onder beheer Leven: EUR 48,6 miljard (stabiel t.o.v. EUR 48,2 miljard eind juni 2010)
- Totale combined ratio 103,3% (105,6% in 2010)
- Combined ratio exclusief arbeidsongevallen 100,3% (102,5% in 2010)
- Voortzetting goede prestaties Autoverzekeringen: combined ratio 94,9%, Brandverzekeringen gestegen naar 111,5%, voornamelijk door stormweer in augustus
Het totale bruto premie-inkomen over de eerste negen maanden bedroeg EUR 4,6 miljard, 9% lager dan vorig jaar, gekenmerkt door een aanhoudend lager premie-inkomen in Leven en een hoger premie-inkomen in Niet-Leven. Het premie-inkomen over het derde kwartaal bedroeg EUR 1,3 miljard, een daling van 14% ten opzichte van vorig jaar. Het premie-inkomen Individueel Leven bleef achter bij vorig jaar als gevolg van de concurrentie van bankproducten en een verminderde vraag naar unit-linked producten. Het premieinkomen Groepsverzekeringen Leven daalde 2% ten opzichte van vorig jaar, voornamelijk vanwege verschuiving van premie-inning binnen het jaar. Ondanks het lagere premie-inkomen behield AG Insurance zijn positie als marktleider met een marktaandeel van 27,6%3 op basis van het Vermogen onder Beheer. Het premie-inkomen Niet-Leven over de eerste negen maanden steeg 5% dankzij tariefverhogingen en volumegroei, volledig in lijn met de positieve trend van het eerste halfjaar. Uit een recent onderzoek blijkt dat het marktaandeel Niet-Leven gegroeid is tot ongeveer 15,0%.4
Het nettoresultaat na minderheidsbelangen over de eerste negen maanden bedroeg EUR 331 miljoen negatief, ten opzichte van EUR 205 miljoen positief in 2010, als gevolg van een nettoverlies op Griekse overheidsobligaties van 345 miljoen in het derde kwartaal. Het nettoresultaat voor het derde kwartaal bedroeg EUR 354 miljoen negatief. De recente ontwikkelingen betreffende Griekenland hebben geleid tot een bijkomende bijzondere waardevermindering op de overblijvende Griekse blootstelling, gebaseerd op de reële waarde eind september (ongeveer 40%) met een netto-impact op het resultaat over de eerste negen maanden van EUR 470 miljoen. Daarnaast hebben de volatiele financiële markten een bijkomende bijzondere waardeverminderingen op de aandelenportefeuille veroorzaakt voor een totaalbedrag van 74 miljoen in het derde kwartaal, wat de nettolast ervan over de eerste negen maanden op EUR 95 miljoen bracht. Ten slotte leidde de beslissing om de beleggingsportefeuille verder in evenwicht te brengen in het derde kwartaal tot een gerealiseerde meerwaarde op vastrentende waarden van EUR 110 miljoen, deels teniet gedaan door een gerealiseerde minwaarde van EUR 79 miljoen op de aandelenportefeuille.
- 3 Gebaseerd op onderzoek uitgevoerd door Assuralia in het tweede kwartaal
- 4 Gebaseerd op onderzoek uitgevoerd door Assuralia in het tweede kwartaal
Al deze bewegingen samen wogen voor EUR 389 miljoen op het nettoresultaat van het derde kwartaal, en voor EUR 507 miljoen op de eerste negen maanden. Het solvabiliteitsniveau bleven desondanks solide, zowel onder IFRS als onder lokale regelgeving. De netto-impact van de bijzondere waardeverminderingen buiten beschouwing gelaten, zou het nettoresultaat over de eerste negen maanden EUR 234 miljoen hebben bedragen tegenover EUR 205 miljoen vorig jaar.
De bevestiging van de sterke prestaties van de voorbije kwartalen in Auto- en Ziekteverzekeringen verbeterden het technisch resultaat in Niet-Leven. De zware zomerstormen die België eind augustus teisterden, hadden een negatieve impact van EUR 12 miljoen op de nettowinst Niet-Leven in het derde kwartaal.
De kostenratio Leven als percentage van het vermogen onder beheer en de kostenratio Niet-Leven bleven stabiel op respectievelijk 0,38% en 16,6%. De operationele kosten vertoonden net als tijdens de vorige kwartalen een stijging van 4% en bedroegen EUR 343 miljoen over de eerste negen maanden.
Leven
Het premie-inkomen Leven over de eerste negen maanden daalde 14% ten opzichte van vorig jaar en bedroeg EUR 3,3 miljard, waarvan EUR 0,9 miljard in het derde kwartaal. Het premie-inkomen Individueel Leven bedroeg EUR 2,5 miljard (EUR 3,0 miljard in 2010). Dit is een daling van 20% ten opzichte van vorig jaar en een daling van 10% ten opzichte van vorig kwartaal. De verkoop van spaarproducten bleef achter (-10%) en de verkoop van unit-linked producten is met de helft gedaald sinds vorig jaar. Het premie-inkomen via het bankkanaal bedroeg EUR 2,0 miljard (EUR 2,5 miljard vorig jaar). Hogere rentes op bankproducten hadden een negatieve impact op het premie-inkomen, vooral in het tweede kwartaal, waardoor het effect van de succesvolle commerciële campagnes in het eerste kwartaal verloren ging. Het premieinkomen via het makelaarskanaal bedroeg EUR 0,5 miljard, een daling van 11%. Het premie-inkomen
Groepsverzekeringen Leven daalde enigszins in het derde kwartaal (-2%) als gevolg van verschuiving van premie-inning binnen het jaar en bedroeg EUR 0,8 miljard over de eerste negen maanden.
Het Vermogen onder beheer Leven steeg tot EUR 48,6 miljard, een stijging met 1% in vergelijking met 2010. Niet unit-linked vermogen onder beheer steeg naar EUR 42,6 miljard eind september (t.o.v. EUR 42,2 miljard eind juni). Unit-linked vermogen onder beheer daalde met 7% tot EUR 6,0 miljard door een mindere verkoop en een lagere waardering van obligatie- en aandelenfondsen.
Het technisch resultaat over de eerste negen maanden bedroeg EUR 155 miljoen ten opzichte van EUR 261 miljoen vorig jaar. Het technisch resultaat omvat een bruto last van EUR 30 miljoen (EUR 15 miljoen na belasting en minderheidsbelangen) voor de heffing van 0,15% op het vermogen onder beheer Leven (behalve Groep Leven) die de Belgische overheid heeft ingevoerd, waarvan EUR 10 miljoen in het derde kwartaal. Het technisch resultaat daalt tevens als gevolg van het deel van de bijzondere waardevermindering op Griekse obligaties dat in de gekantonneerde fondsen valt. De rest van de bijzondere waardeverminderingen op Griekse overheidsobligaties en de aandelenportefeuille en de gerealiseerde meer- en minwaarden op aandelen en vastrentende waarden verklaren de lagere operationele marge.
Het nettoresultaat over de eerste negen maanden is een verlies van EUR 329 miljoen, vergeleken met een winst van EUR 186 miljoen vorig jaar. In het derde kwartaal was er een nettoverlies van EUR 337 miljoen (t.o.v. een nettowinst van EUR 83 miljoen in 2010). Het nettoresultaat omvat een totale negatieve impact van EUR 399 miljoen door bijzondere waardeverminderingen op Griekse overheidsobligaties en aandelen, evenals gerealiseerde verliezen op de beleggingsportefeuille.
Niet-Leven
De brutopremies bedroegen over de eerste negen maanden EUR 1,3 miljard, een toename van 5% vergeleken met dezelfde periode vorig jaar. Het premie-inkomen in het derde kwartaal bedroeg EUR 395 miljoen, een stijging van 4% ten opzichte van vorig jaar en 2% ten opzichte van het voorgaande kwartaal met een stijging in Auto- (+6%) en Brandverzekeringen (+8%). Het premie-inkomen in Zorgverzekeringen bedroeg EUR 198 miljoen (+1%).
De stijging is toe te schrijven aan een combinatie van volumegroei en tariefverhogingen. Het premie-inkomen via het makelaarskanaal steeg tot EUR 922 miljoen (+5%), de brutopremies via het bankkanaal bedroegen EUR 173 miljoen (+8%).
Het technisch resultaat over de eerste negen maanden bedroeg EUR 44 miljoen vergeleken met EUR 22 miljoen vorig jaar, met een goede prestatie in Auto en een sterk schaderesultaat in Ziekteverzekeringen. Het technisch resultaat omvat een last als gevolg van de zware zomerstormen eind augustus voor een bedrag van EUR 24 miljoen.
De combined ratio over de eerste negen maanden verbeterde naar 103,3% vergeleken met 105,6% vorig jaar, maar is enigszins gestegen ten opzichte van eind juni (102,2%). Exclusief arbeidsongevallen bedroeg de combined ratio over de eerste negen maanden 100,3%, tegen 102,5% vorig jaar. De combined ratio van het segment Autoverzekeringen verbeterde naar 94,9%. In het segment Brandverzekeringen resulteerden de zomerstormen in augustus in een combined ratio van 119,7% (t.o.v. 98,2% in het tweede kwartaal) en een combined ratio over de eerste negen maanden van 111,5%. De tarieven voor de dekking Natuurrampen werden opgetrokken, wat leidde tot een premiestijging van 6% in Brandverzekeringen. De combined ratio Arbeidsongevallen blijft hoog op 128,0% over de eerste negen maanden en 122,8% in het derde kwartaal, als gevolg van een uitzonderlijk hoog aantal sterfgevallen en schadegevallen met blijvende arbeidsongeschiktheid. De getroffen corrigerende maatregelen betreffen onder meer het invoeren van een nieuwe tariefstructuur en selectieve acceptatie.
Het nettoresultaat over de eerste negen maanden daalde naar EUR 2 miljoen negatief vergeleken met EUR 19 miljoen positief vorig jaar, met een nettoverlies van EUR 18 miljoen in het derde kwartaal (t.o.v. een nettowinst van EUR 34 miljoen in 2010). De barre weersomstandigheden hadden een negatief effect van EUR 12 miljoen op het nettoresultaat van het derde kwartaal en van EUR 18 miljoen over de eerste 9 maanden van 2011. In 2010 bedroeg de last in het derde kwartaal EUR 6 miljoen en EUR 17 miljoen over de eerste negen maanden. Daarnaast hadden de nettolasten met betrekking tot de bijzondere waardeverminderingen en gerealiseerde meer- en minwaarden op vastrentende waarden een negatieve impact van EUR 30 miljoen over de eerste negen maanden, waarvan EUR 20 miljoen in het derde kwartaal. De slechte weersomstandigheden en bijzondere waardeverminderingen buiten beschouwing gelaten, bedraagt de nettowinst over de eerste negen maanden EUR 47 miljoen.
Verenigd Koninkrijk
| Resultatenrekening - Leven | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Verenigd Koninkrijk – Leven - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Brutopremies | 35,8 | 18,7 | 92% | 13,7 | 7,5 | 83% | 11,8 |
| Beleggingscontracten zonder discretionaire winstdeling | * | * | |||||
| Bruto premie-inkomen Leven | 35,8 | 18,7 | 92% | 13,7 | 7,5 | 83% | 11,8 |
| Operationele kosten | - 18,3 | - 17,9 | 3% | - 6,4 | - 6,6 | - 3% | - 5,0 |
| Technisch resultaat | - 3,2 | - 5,5 | - 43% | - 1,1 | - 2,3 | - 52% | - 0,7 |
| Toegerekende meerwaarden | * | * | |||||
| Operationele marge | - 3,2 | - 5,5 | - 43% | - 1,1 | - 2,3 | - 52% | - 0,7 |
| Niet-toegerekende overige inkomsten en lasten | 1,4 | 1,6 | - 13% | 0,6 | 0,8 | - 25% | 0,4 |
| Winst voor belastingen | - 1,8 | - 3,9 | - 54% | - 0,5 | - 1,5 | - 67% | - 0,3 |
| Winstbelastingen | 0,5 | 1,1 | - 56% | 0,1 | 0,4 | - 75% | 0,1 |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | * | * | |||||
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 1,3 | - 2,8 | - 53% | - 0,4 | - 1,1 | - 64% | - 0,2 |
| Resultatenrekening - Niet-leven | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Verenigd Koninkrijk – Niet-leven - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Bruto premie-inkomen Niet-leven | 1.522,8 | 821,1 | 85% | 529,0 | 282,8 | 87% | 522,7 |
| Operationele kosten | - 100,5 | - 67,3 | 49% | - 36,3 | - 21,8 | 67% | - 33,3 |
| Technisch resultaat | 46,0 | 4,3 | * | 25,8 | 7,8 | * | 23,7 |
| Toegerekende meerwaarden | 4,7 | 2,8 | 70% | 3,6 | 0,7 | * | 0,2 |
| Operationele marge | 50,7 | 7,1 | * | 29,4 | 8,5 | * | 23,9 |
| Niet-toegerekende overige inkomsten en lasten | 10,0 | 1,0 | * | 4,4 | - 1,4 | * | 3,1 |
| Winst voor belastingen | 60,7 | 8,1 | * | 33,8 | 7,1 | * | 27,0 |
| Winstbelastingen | - 15,7 | - 2,3 | * | - 8,6 | - 2,0 | * | - 7,1 |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | 4,7 | - 3,3 | * | 4,9 | - 1,9 | * | 1,5 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | 40,3 | 9,1 | * | 20,3 | 7,0 | * | 18,4 |
| Resultatenrekening - Overige verzekeringen | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Verenigd Koninkrijk – Overige verzekeringen - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Commissiebaten | 128,7 | 99,6 | 29% | 44,5 | 40,2 | 11% | 44,4 |
| Andere baten | 78,0 | 21,1 | * | 30,1 | 18,8 | 60% | 25,0 |
| Personeelslasten | - 72,7 | - 43,1 | 69% | - 25,1 | - 18,9 | 33% | - 25,1 |
| Overige lasten | - 103,1 | - 62,5 | 65% | - 33,8 | - 36,0 | - 6% | - 34,7 |
| Winst voor belastingen | 30,9 | 15,1 | * | 15,7 | 4,1 | * | 9,6 |
| Winstbelastingen | - 8,2 | - 5,9 | 40% | - 4,3 | - 2,8 | 54% | - 2,3 |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | * | * | |||||
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | 22,7 | 9,2 | * | 11,4 | 1,3 | * | 7,3 |
| Resultatenrekening | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Verenigd Koninkrijk – in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Bruto premie-inkomen | 1.558,6 | 839,8 | 86% | 542,7 | 290,3 | 87% | 534,5 |
| Operationele kosten | - 118,8 | - 85,2 | 39% | - 42,7 | - 28,4 | 50% | - 38,3 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | 61,7 | 15,5 | * | 31,3 | 7,2 | * | 25,5 |
Premie-inkomen EUR 1,6 miljard (t.o.v. EUR 0,8 miljard in 2010)
- Bruto premies Niet-Leven 85% gestegen
- Inkomsten Overige Verzekeringen: EUR 207 miljoen, een stijging van 71%
Nettowinst EUR 62 miljoen (t.o.v. EUR 16 miljoen in 2010)
- Resultaat Niet-Leven: EUR 40 miljoen dankzij aanhoudende goede operationele prestaties
- Overige Verzekeringen: sterke bijdrage van EUR 23 miljoen
Combined ratio 99,9% (t.o.v. 104,9% in 2010)
- Combined ratio derde kwartaal 98,0% tegen 102,2% in 2010
- Combined ratio Autoverzekeringen blijft sterk en onder 100% 98.2% t.o.v. 106,9%
- Combined ratio Brandverzekeringen verder verbeterd naar 100,4% t.o.v. 104,4% eind juni
De multikanaal strategie van Ageas UK blijft de business stimuleren. Het premie-inkomen over de eerste negen maanden bedroeg EUR 1.559 miljoen, een stijging van 86% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Het premieinkomen Niet-Leven steeg met 85%, terwijl de inkomsten Overige Verzekeringen inclusief Retail-activiteiten met 71% stegen. Het premie-inkomen Leven is bijna verdubbeld ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Het valuta-effect op het premie-inkomen was negatief in vergelijking met vorig jaar (EUR 26 miljoen). Het premie-inkomen in het derde kwartaal bedroeg EUR 543 miljoen, of een stijging van 87% in vergelijking met het derde kwartaal van 2010.
Het nettoresultaat trok de positieve trend van de vorige kwartalen door en bedroeg EUR 62 miljoen eind september (t.o.v. EUR 16 miljoen in 2010). EUR 40 miljoen hiervan kwam van Niet-Leven en EUR 23 miljoen van Overige Verzekeringen (Retail distributie). Leven slaagde erin het verlies ten opzichte van vorig jaar te halveren naar EUR 1,3 miljoen negatief. De nettowinst over het derde kwartaal bedroeg EUR 31 miljoen dankzij EUR 20 miljoen en EUR 11 miljoen van respectievelijk Niet-Leven en Overige Verzekeringen.
Leven
Het premie-inkomen over de eerste 9 maanden bedroeg EUR 36 miljoen, een stijging van 92%. Het aandeel van Ageas Protect op de markt van financieel onafhankelijke adviseurs (IFA's) bedraagt ondertussen 7,8% (5,1% in 2010). Het bedrijf verleent nu dekking aan ruim 175.000 klanten, een stijging van meer dan 69% vergeleken met eind september vorig jaar.
Het netto financieel resultaat ontwikkelt in lijn met de groei van de business sinds de lancering in 2008 en verbeterde over de eerste negen maanden tot EUR 1,3 miljoen negatief, tegen EUR 2,8 miljoen negatief in 2010.
Niet-Leven
De totale brutopremies over de eerste negen maanden bedroegen EUR 1.523 miljoen, een stijging van 85% sinds vorig jaar. In het derde kwartaal werd EUR 529 miljoen aan premies geïnd, een stijging van 87% in vergelijking met vorig jaar, dankzij aanhoudende groei van zowel de Particuliere als de Bedrijfsverzekeringen binnen Ageas Insurance en de consolidatie van Tesco Underwriting, het samenwerkingsverband van Ageas met Tesco Bank. De premies in Brandverzekeringen stegen met 70% van EUR 207 miljoen naar EUR 352 miljoen, terwijl het premie-inkomen Autoverzekeringen meer dan verdubbelde van EUR 445 miljoen naar EUR 982 miljoen.
Het premie-inkomen van Ageas Insurance steeg met 15% naar EUR 944 miljoen. De portefeuille Brandverzekeringen groeide met 29% naar EUR 266 miljoen dankzij het oppikken van de productie in het makelaarssegment. Het premieinkomen uit Auto- en Reisverzekeringen steeg lichtjes tot respectievelijk EUR 489 miljoen en EUR 56 miljoen. Het premie-inkomen in Overige Verzekeringen, inclusief Bedrijfsverzekeringen, steeg in lijn met vorige kwartalen verder naar EUR 133 miljoen (+13%) als resultaat van de uitbreiding van het productaanbod voor kleine en middelgrote ondernemingen.
Het premie-inkomen van Tesco Underwriting kwam in de eerste negen maanden van dit jaar uit op EUR 579 miljoen. Tesco Underwriting biedt nu dekking aan ongeveer 1,4 miljoen klanten en kent een cumulatief premie-inkomen van EUR 680 miljoen sinds de oprichting medio oktober 2010, in lijn is met de oorspronkelijke doelstellingen.
Het nettoresultaat na minderheidsbelangen over de eerste negen maanden bedroeg EUR 40 miljoen, waarvan EUR 20 miljoen in het derde kwartaal. Dit resultaat is omvat EUR 12 miljoen kosten als gevolg van de barre weersomstandigheden in het eerste kwartaal. Vorig jaar bedroeg het nettoresultaat EUR 9 miljoen, inclusief EUR 10 miljoen weergerelateerde kosten.
De combined ratio over de eerste maanden, inclusief Tesco Underwriting, bedroeg 99,9% en is over de eerste negen maanden verder verbeterd. Op vergelijkbare basis en exclusief Tesco Underwriting, verbeterde de combined ratio van Ageas Insurance van 104,9% in dezelfde periode vorig jaar naar 99,8%. De combined ratio van zowel Auto- als Brandverzekeringen is sterk verbeterd tot respectievelijk 96,7% en 93,9% in het derde kwartaal.
Overige verzekeringen
Het segment Overige verzekeringen in het Verenigd Koninkrijk, bestaande uit de distributieactiviteiten - RIAS, Kwik Fit Insurance Services (KFIS), Ageas Insurance Solutions (UKAIS) en sinds 24 maart 2011 ook Castle Cover - noteerde een inkomen uit vergoedingen en commissies en ander inkomen tot EUR 207 miljoen (+71% t.o.v. vorig jaar). De groei kan worden toegeschreven aan de consolidatie van KFFS en Castle Cover, de goede resultaten van affinitypartnerships, een sterke klantenbinding en nieuwe productie.
De nettowinst steeg naar EUR 23 miljoen, ten opzichte van EUR 9 miljoen vorig jaar. De recente overgenomen bedrijven KFFS en Castle Cover droegen EUR 6,6 miljoen bij aan het nettoresultaat, ondanks een afschrijving van EUR 6 miljoen op immateriële activa. In dit resultaat zijn de overname- en financieringskosten van EUR 1 miljoen voor Castle Cover eerder dit jaar inbegrepen.
Continentaal Europa
| Resultatenrekening - Leven | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Continentaal Europa – Leven - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Brutopremies | 590,7 | 1.428,2 | - 59% | 164,1 | 321,5 | - 49% | 194,1 |
| Beleggingscontracten zonder discretionaire winstdeling | 1.100,6 | 1.362,3 | - 19% | 277,2 | 488,5 | - 43% | 386,6 |
| Bruto premie-inkomen Leven | 1.691,3 | 2.790,5 | - 39% | 441,3 | 810,0 | - 46% | 580,7 |
| Operationele kosten | - 81,1 | - 91,8 | - 12% | - 26,7 | - 30,2 | - 12% | - 27,3 |
| Technisch resultaat | - 22,3 | 66,6 | * | - 38,8 | 27,4 | * | - 25,6 |
| Toegerekende meerwaarden | - 16,7 | 3,0 | * | - 16,4 | 0,1 | * | - 0,3 |
| Operationele marge | - 39,0 | 69,6 | * | - 55,2 | 27,5 | * | - 25,9 |
| Niet-toegerekende overige inkomsten en lasten | 11,0 | 16,2 | - 31% | 7,9 | 4,4 | 80% | - 0,2 |
| Winst voor belastingen, geconsolideerde entiteiten | - 28,0 | 85,8 | * | - 47,3 | 31,9 | * | - 26,1 |
| Winst voor belastingen, geassocieerde deelnemingen | * | * | |||||
| Winstbelastingen | 5,1 | - 34,0 | * | 12,9 | - 14,3 | * | 3,7 |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | - 5,6 | 29,9 | * | - 17,1 | 10,4 | * | - 5,3 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 17,3 | 21,9 | * | - 17,3 | 7,2 | * | - 17,1 |
| Resultatenrekening - Niet-leven | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Continentaal Europa – Niet-leven - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Bruto premie-inkomen Niet-leven | 328,6 | 325,5 | 1% | 97,2 | 96,6 | 1% | 111,9 |
| Operationele kosten | - 58,9 | - 54,3 | 8% | - 20,9 | - 17,9 | 17% | - 19,3 |
| Technisch resultaat | - | - | |||||
| Toegerekende meerwaarden | - 1,3 | 2,7 | * | - 0,7 | 1,2 | * | - 0,6 |
| Operationele marge | 17,2 | 11,8 | 46% | 4,2 | 3,3 | 27% | 10,0 |
| Niet-toegerekende overige inkomsten en lasten | 0,2 | 1,2 | - 85% | 0,1 | 2,4 | - 96% | 0,1 |
| Winst voor belastingen, geconsolideerde entiteiten | 17,4 | 13,0 | 34% | 4,3 | 5,7 | - 25% | 10,1 |
| Winst voor belastingen, geassocieerde deelnemingen | 1,2 | * | 1,2 | * | |||
| Winstbelastingen | - 5,9 | - 4,1 | 44% | - 1,4 | - 1,6 | - 13% | - 3,3 |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | 6,9 | 4,0 | 74% | 2,0 | 1,7 | 18% | 3,8 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | 5,8 | 4,9 | 18% | 2,1 | 2,4 | - 13% | 3,0 |
| Resultatenrekening | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Continentaal Europa - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Bruto premie-inkomen | 2.019,9 | 3.116,0 | - 35% | 538,5 | 906,6 | - 41% | 692,6 |
| Operationele kosten | - 140,0 | - 146,1 | - 4% | - 47,6 | - 48,1 | - 1% | - 46,6 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 11,5 | 26,8 | * | - 15,2 | 9,6 | * | - 14,1 |
- Premie-inkomen en nettowinst getroffen door ongunstige financiële markten
- Premie inkomen over de eerste negen maanden EUR 2,1 miljard, inclusief minderheidsbelangen: -33% t.o.v. 2010
- Nettowinst na minderheidsbelangen: EUR 12 miljoen negatief (EUR 27 miljoen positief in 2010)
- Onderliggende operationele fundamenten blijven sterk, specifiek in Niet-Leven
- Combined ratio Niet-Leven over de eerste negen maanden 97,5%, flink onder 100%
- Verwerving belang in AKsigorta, Turkije afgerond. Nettoresultaat opgenomen vanaf augustus 2011
- Onderlinge kennisoverdracht opgestart
- Bijdrage aan nettoresultaat EUR 1,2 miljoen (2 maanden)
Ageas maakte eind september verkoop Duitse Leven-activiteiten aan Augur Capital bekend
Het premie-inkomen over de eerste negen maanden, met inbegrip van niet-geconsolideerde partnerships, bedroeg EUR 2,1 miljard, een daling van 33% in vergelijking met vorig jaar. In het derde kwartaal daalden de premies met 41% tot EUR 539 miljoen. De aanhoudende overheidsschuldencrisis verscherpte de productievertraging van de voorbije kwartalen in Portugal en Luxemburg, vooral in de Leven-activiteiten. In Niet-Leven bleven de brutopremies van geconsolideerde bedrijven lichtjes boven het niveau van vorig jaar (+1%) ondanks een selectieve verkoop en focus op winstgevendheid.
De operationele kosten bedroegen EUR 140 miljoen en bleven onder het niveau van vorig jaar (-4%). Op vergelijkbare basis namen de operationele kosten met 5% toe.
De nettowinst na minderheidsbelangen over de eerste negen maanden was EUR 12 miljoen negatief met een nettoverlies van 15 miljoen in het derde kwartaal. Het resultaat over de eerste negen maanden omvat een last van EUR 50 miljoen na belasting uit bijzondere waardeverminderingen, waarvan EUR 33 miljoen op Griekse overheidsobligaties en de rest op de aandelenportefeuille. Daarbovenop beïnvloedden een aantal gerealiseerde minwaarden eveneens het resultaat, vooral bij Leven. De bijzondere waardevermindering in het derde kwartaal bedroeg EUR 18 miljoen. De genomen rentabiliteitsondersteunende maatregelen verbeterden het resultaat van Niet-Leven.
Eind juli werd de overname van een (minderheids)belang van 31% in het Turkse AKsigorta afgerond. Het bedrijf presteert erg goed met een premiegroei van meer dan 30% ten opzichte van 2010 en een groeiend marktaandeel. Verschillende werkgroepen werden opgericht om de onderlinge kennisoverdracht te bevorderen en de eerste verbeteringen zijn inmiddels reeds doorgevoerd. Sinds augustus wordt het nettoresultaat (EUR 1,2 miljoen) opgenomen in de cijfers5 van Ageas.
Leven
Het premie-inkomen Leven bedroeg EUR 1,7 miljard, een daling van 38% t.o.v. vorig jaar als neveneffect van de aanhoudend onzekere financiële markten. Het premieinkomen in het derde kwartaal bedroeg EUR 441 miljoen, een daling van 46% ten opzichte van hetzelfde kwartaal van vorig jaar.
Het premie-inkomen in Portugal bedroeg EUR 864 miljoen (-37% t.o.v. 2010) en volgde daarmee de algemene tendens op de Portugese markt.
Het premie-inkomen over de eerste negen maanden in Luxemburg daalde met 46% van EUR 1.051 miljoen vorig jaar tot EUR 568 miljoen door een dalende verkoop van FOS unitlinked producten op de markt.
In Frankrijk daalde het premie-inkomen verder naar EUR 229 miljoen (-21% t.o.v. 2010) als gevolg van het verdwijnen van het distributienetwerk via Fortis Banque France in combinatie met een verslechterde marktomgeving.
5 Onder "Winst voor belastingen, geassocieerde deelnemingen".
De unit-linked business, vooral in Portugal en Luxemburg de grootste productlijn, boekte een premie-inkomen over de eerste negen maanden van EUR 1.161 miljoen. De omzet van spaarproducten bedroeg EUR 276 miljoen.
Het Vermogen onder beheer Leven bedroeg EUR 14,1 miljard, vergeleken met EUR 23,1 miljard eind 2010, waarvan EUR 6 miljard unit-linked fondsen. De daling is toe te schrijven aan de classificering als Activa en verplichtingen aangehouden voor verkoop van het Vermogen onder beheer van Fortis Luxembourg Vie na de aangekondigde fusie met Cardif Luxemburg International en van de Duitse Levenactiviteiten na de verkoop van de Leven-activiteiten aan Augur Capital. Op vergelijkbare basis daalde het Vermogen onder beheer met 7% als gevolg van lagere premieinkomsten en de lagere marktwaarde van unit-linked fondsen.
De operationele marge Leven daalde van EUR 70 miljoen vorig jaar naar EUR 39 miljoen negatief als gevolg van de eerder genoemde bijzondere waardevermindering (t.o.v. EUR 120 miljoen).
De operationele kosten daalden naar EUR 81 miljoen (t.o.v. EUR 92 miljoen in 2010) als gevolg van het afstoten van de activiteiten in Oekraïne en Turkije. Op vergelijkbare basis stegen de operationele kosten 3%.
De nettowinst na minderheidsbelangen van EUR 17 miljoen negatief (t.o.v. EUR 22 miljoen positief in 2010) omvat een EUR 49 miljoen impact van de bijzondere waardevermindering op obligaties en aandelen.
Niet-Leven
Brutopremies Niet-Leven, inclusief niet-geconsolideerde partnerships aan 100%, stegen met 21% over de eerste negen maanden naar EUR 395 miljoen. Op geconsolideerde basis bedroegen de brutopremies EUR 329 miljoen met een groei in Ongevallen- en Ziekteverzekeringen (+3%), dat het grootste segment blijft. Autoverzekeringen daalden met 6% naar EUR 72 miljoen zowel in Portugal als in Italië. Brand groeide met 9% naar EUR 49 miljoen. Het premie-inkomen in het derde kwartaal, met inbegrip van niet-geconsolideerde partnerships aan 100%, bedroeg EUR 163 miljoen.
De brutopremies bedroegen in het derde kwartaal EUR 169 miljoen, een toename van 74% vergeleken met vorig jaar. De groei komt voornamelijk voort uit de integratie van het minderheidsbelang in AKsigorta Turkije. De brutopremies bedroegen EUR 66 miljoen over 2 maanden (opgenomen sinds augustus). De belangrijkste activiteiten betreffen Autoverzekeringen (53%), Ziekteverzekeringen (11%) en Brandverzekeringen (12%).
Het premie-inkomen in Portugal is in lijn met voorgaande kwartalen met 3% gestegen naar EUR 180 miljoen en is voornamelijk gerealiseerd in Ziekteverzekeringen. In Italië daalde het premie-inkomen over de eerste negen maanden lichtjes naar EUR 148 miljoen als gevolg van de rentabiliteitsondersteunende maatregelen in Autoverzekeringen en een lagere productie in Consumentenverzekeringen.
De sterke stijging van de operationele marge over de eerste negen maanden (46%) kan worden verklaard door een substantieel beter technisch resultaat en hogere financiële opbrengsten. De impact van de rentabiliteitsondersteunende maatregelen wordt weerspiegeld in een combined ratio die onder de 100% blijft, op 97,5% (tegenover 98,9%).
De operationele kosten stegen met 8% naar EUR 59 miljoen.
In lijn met de betere technische resultaten, steeg de nettowinst na minderheidsbelangen naar EUR 6 miljoen, ten opzichte van EUR 5 miljoen vorig jaar. De Turkse activiteiten droegen in de maanden augustus en september EUR 1,2 miljoen bij.
Azië
| Resultatenrekening - Leven | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Azië – Leven - in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Brutopremies | 170,2 | 169,4 | 0% | 63,2 | 63,3 | - 0% | 55,8 |
| Beleggingscontracten zonder discretionaire winstdeling | 77,8 | 67,7 | 15% | 27,4 | 23,3 | 18% | 26,7 |
| Bruto premie-inkomen Leven | 248,0 | 237,1 | 5% | 90,6 | 86,6 | 5% | 82,5 |
| Operationele kosten | - 26,8 | - 27,5 | - 3% | - 10,1 | - 9,1 | 11% | - 8,5 |
| Technisch resultaat | 19,3 | 16,4 | 17% | 5,0 | 5,3 | - 6% | 6,0 |
| Toegerekende meerwaarden | 2,5 | 37,7 | - 93% | 3,7 | * | 2,1 | |
| Operationele marge | 21,8 | 54,1 | - 60% | 5,0 | 9,0 | - 44% | 8,1 |
| Niet-toegerekende overige inkomsten en lasten | - 9,1 | - 5,7 | 57% | - 4,0 | - 2,7 | 48% | - 2,0 |
| Winst voor belastingen, geconsolideerde entiteiten | 12,7 | 48,4 | - 74% | 1,0 | 6,3 | - 84% | 6,1 |
| Winst voor belastingen, geassocieerde deelnemingen | 48,5 | 30,2 | 60% | 13,9 | 9,9 | 40% | 16,9 |
| Winstbelastingen | - 1,9 | - 0,9 | * | - 0,7 | - 0,7 | - | - 0,7 |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | * | * | |||||
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | 59,3 | 77,7 | - 24% | 14,2 | 15,5 | - 8% | 22,3 |
| Resultatenrekening - Niet-leven | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Azië – Niet-leven -in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Bruto premie-inkomen Niet-leven | - | - | * | - | - | * | - |
| Operationele kosten | - | - | * | - | - | * | - |
| Technisch resultaat | - | - | * | - | - | * | - |
| Toegerekende meerwaarden | - | - | * | - | - | * | - |
| Operationele marge | - | - | * | - | - | * | - |
| Niet-toegerekende overige inkomsten en lasten | - | - | * | - | - | * | - |
| Winst voor belastingen, geconsolideerde entiteiten | - | - | * | - | - | * | - |
| Winst voor belastingen, geassocieerde deelnemingen | 12,8 | 8,4 | 52% | 4,2 | 3,5 | 20% | 1,2 |
| Winstbelastingen | - | - | * | - | - | * | - |
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen | - | - | * | - | - | * | - |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | 12,8 | 8,4 | 52% | 4,2 | 3,5 | 20% | 1,2 |
| Resultatenrekening | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Azië – in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 |
| Bruto premie-inkomen | 248,0 | 237,1 | 5% | 90,6 | 86,6 | 5% | 82,5 |
| Operationele kosten | - 26,8 | - 27,5 | - 3% | - 10,1 | - 9,1 | 11% | - 8,5 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | 72,1 | 86,1 | - 16% | 18,4 | 19,0 | - 3% | 23,5 |
Premie-inkomen EUR 4,6 miljard, bijna in lijn met recordresultaat van vorig jaar (EUR 4,7 miljard in 2010)
- Premie-inkomen Leven 4% lager op EUR 4,2 miljard ingevolge voortzetting focus op periodieke premieproducten
- Brutopremies Niet-Leven sterk gestegen naar EUR 0,5 miljard: +21%
- Nettowinst EUR 72 miljoen (-16%, EUR 86 miljoen in 2010)
- Nettowinst 22% gestegen op vergelijkbare basis, na aanpassing 2011 en 2010 voor gerealiseerde meerwaarden op activa
- Nettowinst na minderheidsbelangen Leven EUR 59 miljoen: een daling van 24%
- Nettowinst na minderheidsbelangen Niet-Leven gestegen naar EUR 13 miljoen (t.o.v. EUR 8 miljoen in 2010)
- Ageas vierde 10 jaar aanwezigheid in Maleisië en China
- Het samenwerkingsverband met Maybank in Maleisië, begonnen als een zeer succesvolle joint venture in bankverzekeren, is uitgegroeid naar een volwassen multikanaal distributieplatform
- Taiping Life begon 10 jaar geleden als nieuwkomer en is nu de zevende grootste verzekeraar in China. Ageas vierde begin oktober de 10e verjaardag van het samenwerkingsverband.
Het totale bruto premie-inkomen over de eerste negen maanden, inclusief de niet-geconsolideerde partnerships aan 100%, kwam uit op EUR 4,6 miljard, 2% lager dan vorig jaar. Rekening houdend met het uitzonderlijke succes van de campagnes voor koopsompolissen in 2010 en tegen de achtergrond van de wereldwijde financiële onzekerheid en de gewijzigde regelgeving in deze regio was dit een goed commercieel resultaat.
De nettowinst na minderheidsbelangen daalde naar EUR 72 miljoen, tegenover EUR 86 miljoen vorig jaar (-16%). De nettowinst van dit jaar omvat een eenmalig gerealiseerde meerwaarde van EUR 10 miljoen door de desinvestering van Taiping Pension in China en die van vorig jaar EUR 35 miljoen gerealiseerde meerwaarde uit de verkoop van het Fortis Centre in Hongkong. Abstractie makende hiervan groeide de nettowinst sterk met 22%, dankzij de goede resultaten in alle entiteiten en een uitzonderlijke belastingteruggave in Maleisië.
In maart van dit jaar vierde Ageas de 10e verjaardag van het samenwerkingsverband met Maybank Malaysia. De combinatie van Maybank als goede retailbank met uitstekende kennis van de locale markt en de expertise van Ageas als bankverzekeraar heeft geleid tot een van de meest succesvolle joint ventures in Azië. Door de jaren heen is het samenwerkingsverband uitgegroeid tot een volledig multikanaal distributieplatform, met agenten, makelaars en directe verkoop.
Taiping Life begon 10 jaar geleden in China als joint venture tussen China Taiping Group en Ageas en was een nieuwkomer op de markt. Nu is het bedrijf uitgegroeid tot de zevende grootste verzekeraar met 11.800 medewerkers en
een distributienetwerk dat bestaat uit 47.000 agenten en meer dan 20.000 kantoren van diverse partnerbanken, ondersteund door meer dan 800 filialen en verkooppunten. In oktober vierde Ageas de 10e verjaardag van zijn partnerships met China Taiping Group in Azië.
Leven
Het premie-inkomen Leven, inclusief de nietgeconsolideerde partnerships tegen 100%, bedroeg EUR 4,2 miljard, 4% minder dan vorig jaar. Het premie-inkomen van vorig jaar werd gestuwd door zeer succesvolle verkoopcampagnes voor koopsompolissen in het bankkanaal in China en Maleisië, terwijl de focus dit jaar op periodieke premieproducten lag. De totale omzet van periodieke premieproducten – goed voor 71% van de totale bruto-omzet (t.o.v. 55% vorig jaar) – steeg naar EUR 2,9 miljard (een stijging van 24%). Het premie-inkomen van contractverlengingen steeg 39% tot EUR 2,1 miljard dankzij de uitstekende productieniveaus van vorig jaar en de hoge persistentieratio in de gehele regio.
Het premie-inkomen van de geconsolideerde activiteiten in Hongkong kwam uit op EUR 248 miljoen, 5% meer dan vorig jaar. De nieuwe productie (APE) toonde een sterke stijging van 23% naar EUR 51 miljoen dankzij de hogere productiviteit binnen het agentennetwerk en toenemende volumes via het opkomende IFA-kanaal.
In China daalde het bruto premie-inkomen met 7% ten opzichte van vorig jaar tot EUR 2,7 miljard. Vorig jaar realiseerde het samenwerkingsverband met Taiping in China een uitzonderlijk hoge groei via een campagne voor koopsompolissen via het bankkanaal en een nieuw periodiek
premieproduct dat via het agentschappenkanaal op de markt werd gebracht. Wijzigingen in de regelgeving voor banken in China eind vorig jaar deden de productie in dit kanaal dalen. Bovendien heeft de monetaire verkrapping door inflatoire druk ertoe geleid dat vele banken zich meer concentreren op hun liquiditeit en balans. De productie van koopsompolissen is hierdoor met 43% gezakt naar EUR 820 miljoen. De goede prestaties van het agentschappenkanaal op het gebied van nieuwe productie en de uitstekende persistentieratio in beide kanalen leidden tot een sterke toename van 29% van het premie-inkomen uit periodieke premieproducten tot EUR 1,9 miljard. Dit is in lijn met de trend van voorgaande kwartalen.
In Thailand blijft het premie-inkomen sterk groeien, +33% tot EUR 701 miljoen, zowel uit nieuwe productie als uit contractverlengingen. Voortbouwend op de buitengewone groei van vorig jaar op het gebied van bankverzekeren, steeg de nieuwe productie van Kasikornbank opnieuw tot recordhoogte, +39% tot EUR 240 miljoen, vooral via koopsompolissen verbonden aan hypotheekleningen en consumentenkredieten. Het premie-inkomen uit nieuwe productie via het agentenkanaal is sterk toegenomen tot EUR 66 miljoen, een stijging van 70%. Ook contractverlengingen stegen sterk in Thailand tot EUR 386 miljoen, ofwel +28%.
Het premie-inkomen in Maleisië daalde met 25% naar EUR 435 miljoen. Net als in China besteedden de banken dit jaar meer aandacht aan de groei van bankendeposito's. Hierdoor daalden eenmalige premies met 38% tot EUR 244 miljoen, zijnde 56% van het totale premie-inkomen (t.o.v. 68% in 2010). De periodieke premieproducten stegen met 4% tot EUR 191 miljoen.
IDBI Federal Life Insurance Company in India noteerde een bruto premie-inkomen van EUR 94 miljoen, 6% lager dan vorig jaar. De daling is volledig toe te schrijven aan het premie-inkomen uit nieuwe productie, dat met 29% is gedaald tot EUR 44 miljoen door de gewijzigde regelgeving voor de verkoop van unit-linked en pensioenproducten. De periodieke premieproducten stegen met 35% tot EUR 50 miljoen.
Het vermogen onder beheer van de geconsolideerde activiteiten bleef stabiel op EUR 1,4 miljard vergeleken met eind 2010. Inclusief de niet-geconsolideerde partnerships aan 100% groeide het vermogen onder beheer met 9% tot EUR 18,5 miljard.
De nettowinst na minderheidsbelangen bedroeg EUR 59 miljoen, ten opzichte van EUR 78 miljoen vorig jaar (-24%). De geconsolideerde activiteiten in Hongkong boekten een nettowinst van EUR 19 miljoen, tegenover EUR 56 miljoen
vorig jaar. De nettowinst van vorig jaar omvat echter een eenmalige meerwaarde van EUR 35 miljoen op de verkoop van het Fortis Centre in Hongkong. Op vergelijkbare basis daalde de nettowinst 6% door dalende winsten als gevolg van de financiële onrust in het derde kwartaal, de druk op de marges door de sterke groei van nieuwe producten en een zwakkere Hongkong Dollar.
De niet-geconsolideerde partnerships boekten een zeer bevredigende nettowinst van EUR 48 miljoen ten opzichte van EUR 30 miljoen vorig jaar (+60%). Het nettoresultaat omvat een eenmalige winst van EUR 10 miljoen als gevolg van het herstructureren van activiteiten in China in overeenkomst medeaandeelhouder China Taiping Group. De eerste fase van de herstructurering, het afstoten van Ageas' belang in Taiping Pension, is in het derde kwartaal succesvol afgerond. De winst bedraagt EUR 16 miljoen, waarvan EUR 10 miljoen is geboekt in het segment Azië en EUR 6 miljoen in de Algemene Rekening. De tweede fase van de herstructurering, het vergroten van Ageas's directe belang in Taiping Asset Management van 8% naar 20%, moet nog formeel worden goedgekeurd.
Overige kosten en inkomsten in de regio bedroegen EUR 8,3 miljoen negatief ten opzichte van EUR 8,0 miljoen negatief vorig jaar.
Niet-Leven
De brutopremies Niet-Leven (tegen 100% en volledig toewijsbaar aan de niet-geconsolideerde partnerships in Maleisië en Thailand) stegen met 21% tot EUR 464 miljoen. Beide partnerships presteerden goed in alle segmenten. De brutopremies in Maleisië en Thailand bedroegen respectievelijk EUR 368 miljoen (+22%) en EUR 95 miljoen (+17%).
De nettowinst na minderheidsbelangen bedroeg EUR 13 miljoen, ten opzichte van EUR 8 miljoen vorig jaar mede dankzij een uitzonderlijke belastingteruggave in Maleisië (EUR 3 miljoen). De intrinsieke operationele resultaten bleven op het goede spoor met een combined ratio van 93,0%.
Algemene Rekening
| Algemeen - in miljoenen EUR 9M 11 9M 10 Mutatie Q3 11 Q3 10 Mutatie Q2 11 Netto rentebaten - 9,1 - 10,4 - 13% - 2,9 - 11,2 - 74% Netto commissiebaten - 0,6 - 0,1 0,2 - 0,1 Netto verdiende premies - 1,2 0,3 - 0,4 0,4 Dividenden uit beleggingen 0,3 0,2 39% Niet-gerealiseerde meer(min-)waarde op calloptie aandelen BNP Paribas - 247,8 - 44,0 - 332,8 77,0 Niet-gerealiseerde meer(min-)waarde op RPN(I) 320,0 - 180,0 438,0 - 156,0 Resultaat op verkoop en herwaarderingen - 202,0 - - 201,7 - 19,1 Aandeel in resultaat van geassocieerde deelnemingen - 139,3 183,4 - 83,9 163,2 Overige baten - 8,1 - 7,0 15% - 2,6 - 5,7 - 54% Totale baten - 287,8 - 57,7 - 186,1 48,4 Wijzigingen in waardeverminderingen - 0,2 0,5 40,0 0,1 - 288,0 - 57,2 - 146,1 48,5 * Nettobaten Personeelslasten - - |
Resultatenrekening | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| - 3,9 | |||||
| - 0,4 | |||||
| - 0,1 | |||||
| 83,0 | |||||
| 139,0 | |||||
| 4,0 | |||||
| - 43,5 | |||||
| - 2,5 | |||||
| 175,6 | |||||
| - 39,8 | |||||
| 135,8 | |||||
| Schadelasten en uitkeringen, netto 2,1 1,9 13% - 0,1 1,4 * |
0,7 | ||||
| Afschrijvingen, amortisatie en overige lasten - 2,3 - 1,3 79% - 1,9 - 0,9 * |
- 0,2 | ||||
| Overige operationele en administratieve lasten - 21,9 - 27,0 - 19% - 3,8 - 8,5 - 55% |
- 10,1 | ||||
| Totale lasten - 37,5 - 40,0 - 6% - 9,1 - 11,5 - 21% |
- 17,7 | ||||
| Winst voor belastingen - 325,5 - 97,2 - 155,2 37,0 |
118,1 | ||||
| Winstbelastingen - 0,2 407,1 - 0,2 - 0,1 |
0,1 | ||||
| Nettowinst over de periode - 325,7 309,9 - 155,4 36,9 |
118,2 | ||||
| Nettowinst toewijsbaar aan minderheidsbelangen - 0,7 - 2,0 - 67% - 0,1 - 0,5 - 80% |
- 0,2 | ||||
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders - 325,0 311,9 - 155,3 37,4 |
118,4 |
| Balans (belangrijkste posten) | ||||
|---|---|---|---|---|
| In miljoenen EUR | 30 Sep 11 | 30 Sep 10 | Mutatie | 30 Jun 11 |
| RPN(I) | ( 145,0 ) | ( 496,0 ) | 71 % | ( 583,0 ) |
| Calloptie op aandelen BNP Paribas | 361,2 | 836,0 | ( 57 %) | 694,0 |
| Royal Park Investments | 849,7 | 1.027,6 | ( 17 %) | 899,0 |
| Tier 1 Obligatielening | 762,3 | - | * | - |
Nettoverlies van EUR 325 miljoen door netto impact van EUR 258 miljoen van zaken uit het verleden
- Derde kwartaal: nettoverlies van EUR 155 miljoen, netto impact van EUR 128 miljoen van zaken uit het verleden
- Reële waarde van RPN(I)-verplichting EUR 145 miljoen, EUR 438 miljoen minder dan eind juni
- Waarde calloptie op aandelen BNP Paribas EUR 361 miljoen, EUR 333 miljoen lager dan eind juni
- Nettoverlies Royal Park Investments EUR 83 miljoen in het derde kwartaal
- Waarde deelneming op 30 september 2011: EUR 850 miljoen
- Bijkomende aanpassing reële waarde van EUR 150 miljoen op Fortis Bank Tier 1 Obligatielening in derde kwartaal
- 95% van uitstaande Fortis Bank Tier 1 Obligatielening verkregen tegen nominale waarde einde september (EUR 953 miljoen)
- Obligaties geboekt tegen 80% van nominale waarde onder Leningen en vorderingen
Het resultaat van de Algemene Rekening bedroeg EUR 325 miljoen negatief voor de eerste negen maanden van 2011, voornamelijk veroorzaakt door zaken uit het verleden met negatieve impact van EUR 258 miljoen. In het derde kwartaal beliep dit EUR 128 miljoen negatief, hetgeen leidde tot een negatief resultaat van EUR 155 miljoen van de Algemene Rekening.
In het derde kwartaal daalde de reële waarde van RPN(I) EUR 438 miljoen (EUR 320 miljoen over de eerste negen maanden) als gevolg van een substantiële daling van de marktwaarde van de CASHES van 57,8% eind juni naar 33,2% eind september 2011 (t.o.v. 50,2% eind 2010). Dit positieve effect werd deels tenietgedaan door een lagere waarde van de calloptie op aandelen BNP Paribas (EUR 333 miljoen negatief t.o.v. het tweede kwartaal 2011, t.o.v. EUR 248 miljoen negatief over de eerste negen maanden) en een negatief resultaat van EUR 83 miljoen (EUR 140 miljoen over de eerste negen maanden) van Royal Park Investments. Tenslotte leidde de aanpassing van de reële waarde van de eind september overgenomen Fortis Bank Tier 1 Obligatielening tot een bijkomende last van EUR 150 miljoen bovenop de EUR 40 miljoen die al in de halfjaarresultaten waren opgenomen (EUR 190 miljoen over de eerste negen maanden). De waarde is gebaseerd op 80% van de nominale waarde van de overgenomen obligaties. De obligaties zijn aangemerkt als Leningen en Vorderingen hetgeen betekent dat toekomstige wijzigingen in de reële waarde geen effect zullen hebben op het nettoresultaat van de Algemene Rekening.
De totale kosten, inclusief Personeel en andere operationele en administratieve kosten daalden lichtjes van EUR 40 miljoen naar EUR 38 miljoen, terwijl het renteresultaat licht daalde tot EUR 9 miljard negatief. Het Resultaat op verkoop en herwaarderingen bedroeg EUR 202 miljoen negatief, inclusief een gerealiseerde minwaarde van EUR 13 miljoen op de aangekondigde verkoop van de Duitse Levenactiviteiten aan Augur Capital en het verlies van EUR 190 miljoen op de overname van de Fortis Bank Tier 1 Obligatielening.
RPN(I)
Reële waarde van RPN(I)
Voor de berekening van de reële waarde van de RPN(I) hanteert Ageas sinds eind 2009 een 'niveau 3' waarderingsmodel gebaseerd op waarderingstechnieken voor financiële derivaten. Op 30 september 2011 bedroeg de reële waarde van RPN(I) EUR 145 miljoen, waarvan EUR 127 miljoen is gerelateerd aan de RPN(I)-verplichting zelf en EUR 18 miljoen aan de garantieovereenkomst tussen Ageas, de Belgische Staat en Fortis Bank.
Het effect op het resultaat bedraagt EUR 438 miljoen in het derde kwartaal (waarde eind juni EUR 583 miljoen) en EUR 320 miljoen over de eerste negen maanden. Het kwartaalbedrag kan worden gesplitst in (i) EUR 374 miljoen voor de daling van de netto contante waarde van de geschatte rentebetaling onder het RPN(I) mechanisme en (ii) een bijkomende daling van de verplichting van EUR 64 miljoen in verband met de garantieovereenkomst.
De daling van de reële waarde is toe te schrijven aan (i) een daling van het referentiebedrag eind september 2011 door een daling van de CASHES van 57,8% tot 33,2% terwijl het aandeel Ageas daalde van EUR 1,87 tot EUR 1,31 (daling van EUR 364 miljoen), (ii) hogere spreads (+275 basispunten) op eeuwigdurende schuldinstrumenten (daling van EUR 61 miljoen), (iii) andere marktomstandigheden inclusief wijzigingen van de rente (daling van EUR 13 miljoen).
Referentiewaarden
Als gevolg van de lagere waarde van de CASHES en de koers van het aandeel Ageas eind september, daalde de absolute waarde van het referentiebedrag (de zogeheten Relative Performance Note, ofwel RPN) van EUR 849 miljoen negatief eind juni tot EUR 185 miljoen negatief (EUR 642 miljoen negatief eind 2010).
Op 30 september 2011 stond de 3-maands EURIBOR op 1,55%. De totale rentebetaling aan Fortis Bank over de eerste negen maanden van 2011 bedroeg EUR 8,9 miljoen. Het totale bedrag dat aan de Belgische Staat betaald is over dezelfde periode uit hoofde van de garantieovereenkomst tussen beide partijen bedroeg EUR 4,1 miljoen.
Assumpties en gevoeligheden
Zie noot 19 van het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag over de eerste negen maanden van 2011.
Calloptie op aandelen BNP Paribas
Ageas past consequent een waarderingsmethode toe die is gebaseerd op een Black Scholes-model. Op 30 september 2011 was de geschatte waarde van de 121,2 miljoen opties op aandelen BNP Paribas EUR 361 miljoen, ten opzichte van EUR 694 miljoen eind juni (EUR 609 miljoen eind 2010).
De waarde van de optie BNP Paribas daalde EUR 333 miljoen ten opzichte van eind juni (EUR 248 miljoen t.o.v. eind 2010), voornamelijk door de daling van de koers van het aandeel BNP Paribas van EUR 53,23 eind juni tot EUR 30,05 eind september 2011 (EUR 47,69 eind 2010) en een hogere
marktconsensus met betrekking tot het dividendrendement, van 4,95% eind juni tot 8,76% eind september (5,29% eind 2010). Dit werd slechts gedeeltelijk tenietgedaan door een substantieel hogere volatiliteitassumptie van 30% eind juni tot 49% eind september (33% eind 2010).
In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste gehanteerde parameters bij de waardering van de optie, evenals een vergelijking van de gebruikte assumpties op 30 juni 2011 en 31 december 2010.
| 30 september 2011 | 30 juni 2011 | 31 december 2010 | |
|---|---|---|---|
| Koers BNP Paribas | EUR 30,05 | EUR 53,23 | EUR 47.685 |
| Uitoefenprijs | EUR 66,672 | EUR 66,672 | EUR 66.672 |
| Volatiliteit | 49% | 30% | 33% |
| Dividendrendement | 8,76% | 4,95% | 5.29% |
| Koers per optie tot en met 10 oktober 2016 | EUR 4,260 | EUR 8,177 | EUR 7.180 |
| Theoretische waarde 121,2 miljoen opties | EUR 516 miljoen | EUR 991 miljoen | EUR 870 miljoen |
| Geschatte waarde, gecorrigeerd voor niet-standaardkenmerken (30%) | EUR 361 miljoen | EUR 694 miljoen | EUR 609 miljoen |
Gevoeligheden
Assumpties aangaande de volatiliteit en het dividendrendement hebben grote invloed op de waarde van de opties. Een daling van de impliciete volatiliteit met respectievelijk 5% en 10% leidt tot een waardedaling van de BNP Paribas optie met 24,6% en 47,2%, terwijl een stijging van de impliciete volatiliteit met 5% of 10% tot een waardestijging van 25,8% en 52,4% leidt. Als de assumptie betreffende het dividendrendement met 1% naar beneden wordt bijgesteld, stijgt de waarde van de optie BNP Paribas met 3,75% terwijl een stijging van 1% tot een daling van 6,8% leidt.
Royal Park Investments (RPI)
De nettowinst van RPI tegen 100% en vóór de toetsing op bijzondere waardevermindering van de goodwill bedroeg over de eerste negen maanden EUR 271 miljoen. Dit was voornamelijk toe te schrijven aan de stijging van de marktwaarde van de beleggingsportefeuille door de dalende interest spreads. Het nettoresultaat over het derde kwartaal was EUR 188 miljoen negatief door de lagere marktwaarde van de effectenportefeuille. Aan het einde van ieder kwartaal toetst RPI de waarde van de onder IFRS geboekte goodwill. Aangezien alle opbrengsten worden gebruikt voor de aflossing van de financiering en er geen nieuwe business
wordt gegenereerd, dient een bijzondere waardevermindering van de goodwill te worden geboekt over de verwachte looptijd van de portefeuille. De waardebepaling van de totale business op basis van de verwachte business aan het eind van het tweede kwartaal leidde tot een bijzondere waardevermindering op goodwill van EUR 586 miljoen. De beoordeling eind september leidde tot de conclusie dat geen bijkomende bijzondere waardevermindering op goodwill moest genomen worden. Het nettoresultaat van RPI onder IFRS tegen 100%, inclusief de bijzondere waardevermindering van de goodwill, kwam uit op EUR 315 miljoen negatief, waarvan EUR 140 miljoen voor Ageas . Verder heeft RPI begin 2010 een aantal netto renteswaps gesloten waardoor variabele rente-inkomsten zijn omgezet naar vaste rente-inkomsten. Ageas heeft besloten deze swaps boekhoudkundig te verwerken als kasstroomhedge. Alle wijzigingen in de reële waarde worden direct in het eigen vermogen opgenomen en hadden een lichte stijging van het eigen vermogen ten opzichte van eind 2010 met EUR 128 miljoen per 30 september aan 100% tot gevolg. Het aandeel van Ageas hierin bedroeg EUR 57 miljoen. Als gevolg van beide factoren is de deelneming van Ageas in RPI gedaald van EUR 933 miljoen eind 2010 tot EUR 850 miljoen. Hieronder volgt een balansoverzicht van RPI onder IFRS.
| IFRS | IFRS | |
|---|---|---|
| in EUR miljoen | 30 september 2011 | 31 december 2010 |
| Activa | ||
| Beleggingen | 6.336 | 7.005 |
| Uitgestelde belastingactiva | 562 | 681 |
| Goodwill | 781 | 1.367 |
| Overige Activa | 662 | 264 |
| Totale Activa | 8.341 | 9.317 |
| Verplichtingen en eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | ||
| Verplichtingen | ||
| Overige verplichtingen | 273 | 86 |
| Commercieel papier | 4.641 | 4.585 |
| Financiering, super senior | 1.007 | 2.040 |
| Financiering, senior | 519 | 519 |
| Totale Verlichtingen | 6.440 | 7.230 |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | ||
| Aandelenkapitaal | 850 | 850 |
| Agioreserve | 850 | 850 |
| Kasstroomhedge reserve | 223 | 94 |
| Ingehouden winst | -22 | 294 |
| Totaal eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | 1.901 | 2.087 |
| Totale verplichtingen en eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | 8.341 | 9.317 |
Eind september 2011 was de reële waarde van de leningenportefeuille gedaald naar EUR 6,4 miljard, terwijl de totale schuldpositie was gedaald naar EUR 6,2 miljard.
De totale nettorentebetalingen en hoofdsomontvangsten bedroegen over de eerste negen maanden van 2011 respectievelijk EUR 112 miljoen en EUR 919 miljoen.
Voor meer informatie over RPI en haar activa wordt verwezen naar www.royalparkinvestments.com.
Overige posten Algemene Rekening
Het renteresultaat daalde licht tot EUR 9 miljoen negatief. Het renteresultaat is het verschil tussen enerzijds de renteopbrengsten die op de deposito's, de bankrekeningen en de intragroepsleningen worden ontvangen en anderzijds de rentebetalingen op de RPN(I), het EMTN programma en de FRESH.
Het Resultaat op verkoop en herwaarderingen bedroeg EUR 202 miljoen negatief ten opzichte van breakeven in dezelfde periode vorig jaar. Het omvat een verlies van EUR 13 miljoen op de aangekondigde verkoop van de Duitse Leven-activiteiten aan Augur Capital evenals een verlies van EUR 190 miljoen op de overgenomen Fortis Bank Tier 1 Obligatielening.
Dit laatste bedrag is het verschil tussen de EUR 953 miljoen die op basis van de nominale waarde werd betaald voor de
Fortis Bank Tier 1 Obligatielening, en de reële waarde van de obligaties op de verwervingsdatum, zijnde 80% van de nominale waarde en berekend op basis van een 'niveau 3' waarderingsmodel. De voorziening van EUR 40 miljoen die eind juni is opgenomen onder Wijzigingen in bijzondere waardeverminderingen en voorzieningen is teruggenomen in het derde kwartaal, hetgeen geleid heeft tot een negatieve netto impact van EUR 150 miljoen in het derde kwartaal. De verkregen obligaties zijn geklasseerd als Leningen en Vorderingen: wijzigingen in de reële waarde zullen geen effect zullen hebben op het nettoresultaat van de Algemene Rekening. Het verschil tussen de overnameprijs (EUR 953 miljoen) en het bedrag van de eerste opname (EUR 762 miljoen) is opgenomen als een verlies in de resultatenrekening en zal naar verwachting in de komende kwartalen worden teruggenomen via de reële rentemethode.
De totale kosten, inclusief Personeel en andere operationele en administratieve kosten daalden enigszins van EUR 40
miljoen in 2010 naar EUR 38 miljoen over de eerste negen maanden. De totale kosten bedroegen EUR 9 miljoen in het derde kwartaal.
De nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders van de Algemene Rekening bedroeg EUR 325 miljoen negatief ten opzichte van een nettowinst van EUR 312 miljoen vorig jaar, waarin EUR 405 miljoen uitgestelde belastingvorderingen na de liquidatie van Brussels Liquidation Holding zaten vervat.
Voorwaardelijke verplichtingen
Voor het volledige overzicht van de "Voorwaardelijke verplichtingen" wordt verwezen naar noot 28 van het Geconsolideerd Tussentijds Financieel Verslag per 30 september 2011.
Nettokaspositie
Tijdens de Investor Day op 29 september 2011 kondigde Ageas aan het concept discretionair kapitaal te verlaten ten voordele van de nettokaspositie van de Algemene Rekening. Rekening houdend met de recente ontwikkelingen, beschouwt Ageas de nettokaspositie als de beste indicator van zijn strategische financiële flexibiliteit. De belangrijkste elementen van de balans van de Algemene Rekening worden in onderstaande tabel samengevat.
| in miljoenen EUR | 30 sept 11 | 31 dec 10 |
|---|---|---|
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 337 | 2.259 |
| Vorderingen op banken (kortlopend) | 750 | 500 |
| Schulden aan banken (kortlopend) | ||
| Schuldbewijzen | - 260 | - 549 |
| Netto kaspositie | 827 | 2.210 |
| Vorderingen op klanten | 1.139 | 1.228 |
| Vorderingen op banken (langlopend) | 1.699 | 942 |
| Schulden aan banken (langlopend) | ||
| Achtergestelde schulden | - 2.957 | - 2.961 |
| Overige financieringen | - 87 | - 100 |
| Saldo van de vorderingen | - 206 | - 891 |
| Overlopende rente en overige verplichtingen | 1.261 | 1.174 |
| Eigen vermogen Algemeen | 1.882 | 2.493 |
De nettokaspositie van de Algemene Rekening op 30 september 2011, inclusief EUR 750 miljoen in kortlopende deposito's bij banken en uitgaande van een volledige aflossing van het European Medium Term Notes (EMTN) programma (EUR 260 miljoen), daalde van EUR 2,2 miljard eind 2010 tot EUR 0,8 miljard. De verklaring voor deze daling ligt voornamelijk in de contante betaling van EUR 953 miljoen voor de overname van de Fortis Bank Tier 1 Obligatielening, het verkregen belang van 31% in AKsigorta, de uitvoering van het inkoopprogramma van eigen aandelen en de uitkering van dividend over 2010 in het eerste halfjaar.
Na de beslissing van Fortis Bank SA/NV om de call optie op de Fortis Bank Obligatielening 2001 (nominale waarde EUR 1 miljard) niet uit te oefenen, heeft Ageas de obligaties op de eerste calldatum, d.w.z. 26 september 2011, overgenomen tegen de nominale waarde en in contanten. Ageas betaalde EUR 953 miljoen aan de 95% van de houders die kozen voor omruiling.
De vermindering van de nettokaspositie valt verder toe te schrijven aan het in 2010 uitbetaalde dividend, het bedrag dat betaald werd voor het belang van 31% in AKsigorta (EUR 153 miljoen) en de inkoop van eigen aandelen. In het kader van dat inkoopprogramma had Ageas per 30 september 69 miljoen aandelen teruggekocht voor een totaalbedrag van EUR 89 miljoen. Op 4 november staat de teller op 120,2 miljoen aandelen voor een totaalbedrag van EUR 158,6 miljoen. Dit komt overeen met 4,6% van het totaal aantal uitstaande aandelen.
Het eigen vermogen van de Algemene Rekening daalde van EUR 2,5 miljard naar EUR 1,9 miljard, voornamelijk door het negatieve resultaat over de eerste negen maanden en de in mei 2011 uitgevoerde dividenduitkering over 2010.
Beleggingsportefeuille en vermogenspositie
Beleggingsportefeuille
De beleggingsportefeuille van Ageas bedroeg eind september EUR 59,5 miljard, ten opzichte van EUR 59,8 miljard eind 2010. Deze lichte daling van de reële waarde van de portefeuille is volledig toe te schrijven aan de wijzigingen in de consolidatiescope na de classificering van Fortis Luxembourg Vie, Intreinco en Ageas Deutschland als Activa aangehouden voor verkoop voor een totaalbedrag van EUR 0,7 miljard.
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de beleggingsportefeuille van Ageas. Alle activa worden geboekt tegen reële waarde, behalve de "Tot einde looptijd aangehouden" beleggingen die tegen geamortiseerde kostprijs worden geboekt. Deze bestaan voornamelijk uit Portugese overheidsobligaties die in het tweede kwartaal zijn geherclassificeerd.
| in miljarden EUR | in % | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beleggingsportefeuille plus vastgoed tegen reële waarde | 30 sept 11 | 31 dec 2010 | 30 sept 11 | 31 dec 2010 | ||
| Vastrentende waarden | 53,5 | 52,0 | 5363% | 90% | ||
| - Overheidsobligaties tot einde looptijd aangehouden | 0,5 | 0,5 | 0% | 1% | ||
| - Overheidsobligaties voor verkoop beschikbaar | 32,5 | 31,3 | 3230% | 54% | ||
| - Bedrijfsobligaties voor verkoop beschikbaar | 20,1 | 19,8 | 2090% | 34% | ||
| - Gestructureerde kredietinstrumenten | 0,4 | 0,4 | 42% | 1% | ||
| Aandelen | 1,7 | 2,6 | 234% | 3% | ||
| Vastgoed beleggingen | 2,8 | 2,7 | 246% | 5% | ||
| Vastgoed eigen gebruik | 1,5 | 1,4 | 139% | 2% | ||
| Totaal | 59,5 | 58,7 | 5980% | 100% |
De aanhoudende onzekerheid over Griekenland leidde tot de beslissing om een bijkomende bijzondere waardevermindering op de portefeuille Griekse overheidsobligaties te boeken, op basis van de reële waarde eind september. De bruto last voor deze bijzondere waardevermindering bedraagt EUR 754 miljoen in het derde kwartaal. De totale bijzondere waardevermindering op Griekse overheidsobligaties, opgenomen in de resultatenrekening, over de eerste negen maanden bedroeg EUR 1.078 miljoen. Na de bijzondere waardevermindering worden de Griekse obligaties aangehouden tegen gemiddeld 38% van hun historische/geamortiseerde kostprijs.
Ook de aandelenportefeuille daalde in het derde kwartaal tot EUR 1,7 miljard ten gevolge van desinvesteringen (EUR 0,4 miljard t.o.v. eind 2010; EUR 0,6 miljard t.o.v. eind juni) en de impact van een lagere reële waarde als gevolg van de volatiliteit in het derde kwartaal (EUR 0,3 miljard t.o.v. eind 2010, EUR 0,1 miljard t.o.v. eind juni). Aandelen vormen nog steeds 3% van de beleggingsmix, die vrij stabiel bleef ten opzichte van eind 2010 met bijna 90% belegd in vastrentende waarden. 94% van de obligatieportefeuille is 'investment grade' en bijna 90% heeft een rating A of hoger.
Eind september bedroegen de totale ongerealiseerde meeren minwaarden van de totale beleggingsportefeuille EUR 2,6 miljard positief ten opzichte van EUR 1,0 miljard positief eind 2010, voornamelijk dankzij de waardestijging van vastrentende waarden met inbegrip van de positieve impact van de bijzondere waardevermindering op Griekse overheidsobligaties en de classificering van Portugese overheidsobligaties als "Tot einde looptijd aangehouden" activa. Gedurende het derde kwartaal stegen de ongerealiseerde meerwaarden op de totale beleggingsportefeuille met bijna EUR 2 miljard.
Vastrentende portefeuille
Beleggingen in overheidsobligaties ("Voor verkoop beschikbaar" en "Tot einde looptijd aangehouden") tegen geamortiseerde kostprijs stegen met EUR 0,2 miljard tot EUR 33,0 miljard ten opzichte van eind 2010. Desinvesteringen in Italiaanse, Spaanse, Finse, Portugese, Oostenrijkse en Griekse obligaties werden voornamelijk geherinvesteerd in Belgische obligaties en in mindere mate in Nederlandse.
De totale bruto blootstelling aan Zuid-Europese overheidsobligaties ("Voor verkoop beschikbaar" en "Tot einde looptijd aangehouden") tegen de geamortiseerde kostprijs daalde van EUR 8,9 miljard eind 2010 tot EUR 5,4 miljard op 30 september. Rekening houdend met de minderheidsbelangen in België en Portugal en de bijzondere waardevermindering op Griekenland, bedroeg de totale netto blootstelling aan Zuid-Europese landen tegen geamortiseerde kostprijs EUR 3,6 miljard op 30 september 2011.
De ongerealiseerde meerwaarden op de voor verkoop beschikbare obligatieportefeuille bedroeg EUR 1,4 miljard positief ten opzichte van een ongerealiseerde minwaarde van EUR 0,6 miljard eind juni. De ongerealiseerde minwaarden op overheidsobligaties van EUR 0,9 miljard evolueerden naar ongerealiseerde meerwaarden van EUR 0,9 miljard dankzij hogere marktwaarden en de impact van de bijzondere waardevermindering op Griekenland en de classificering van Portugese obligaties als "Tot einde looptijd aangehouden". Ongerealiseerde meerwaarden op bedrijfsobligaties stegen naar EUR 0,5 miljard ten opzichte van EUR 0,3 miljard eind juni. De kwaliteit van de bedrijfsobligatieportefeuille blijft zeer hoog: ruim 95% van de portefeuille is nog steeds investment grade. 84% heeft een rating A of hoger en 62% een rating AA of AAA.
Aandelenportefeuille
De aandelenbeleggingen tegen geamortiseerde kostprijs daalden van EUR 2,3 miljard eind 2010 tot EUR 2 miljard eind september. Bruto ongerealiseerde meerwaarden daalden met EUR 163 miljoen, hetgeen leidde tot een kleine ongerealiseerde minwaarde van EUR 24 miljoen eind september. Aandelen maken 3% deel uit van de beleggingsportefeuille, 1% minder dan aan het begin van het jaar.
Vastgoedportefeuille
De vastgoedportefeuille van Ageas tegen geamortiseerde kostprijs steeg van EUR 2,9 miljard eind 2010 tot EUR 3 miljard, waarvan EUR 2 miljard in vastgoedbeleggingen en EUR 1 miljard in gebouwen voor eigen gebruik. De bruto ongerealiseerde meerwaarden stegen met EUR 279 miljoen tot EUR 1,2 miljard eind september door een aanpassing van de waarderingsmethode aan marktgebruiken. Aangezien vastgoed wordt geboekt tegen de geamortiseerde kostprijs, zijn deze meerwaarden niet zichtbaar in het netto eigen vermogen.
Vermogenspositie
Ageas heeft besloten met ingang van het derde kwartaal de solvabiliteitsberekening volgens de solvabiliteitsvereisten van de toezichthouder te hanteren. Op 30 september 2011 bedroeg het totale beschikbaar wettelijk kapitaal onder IFRS EUR 9,3 miljard, ten opzichte van EUR 9,9 miljard eind 2010 en EUR 9,2 miljard eind juni 2011. Het solvabiliteitsoverschot bedraagt EUR 5,9 miljard, waardoor de solvabiliteitsratio van de groep uitkomt op 270%, nagenoeg stabiel ten opzichte van eind juni (273%) en lager dan eind 2010 (304%). Het totale beschikbare kapitaal van het verzekeringsbedrijf bedroeg EUR 7,2 miljard; het wettelijk vereiste minimum bedroeg EUR 3,4 miljard. In vergelijking met eind december 2010 daalde de solvabiliteit Verzekeringen van 232% tot 210%, voornamelijk door het nettoresultaat van de periode (EUR 308 miljoen, 9% impact), de lagere waarde van de aandelenportefeuille (EUR 164 miljoen, 5% impact) en de hogere vereiste solvabiliteit (6% impact). De solvabiliteitsratio Verzekeringen bedroeg 210% in vergelijking met 208% eind juni en 232% eind december, voornamelijk door de terugname van ongerealiseerde minwaarden op de beleggingsportefeuille. De solvabiliteitsratio's in België (176%), VK (230%) en Azië (310%) daalden enigszins maar bleven sterk. In Continentaal Europa steeg de solvabiliteitsratio naar 201% (tov 193% eind juni). Het beschikbaar wettelijk kapitaal van de groep omvat EUR 2,1 miljard kapitaal van de Algemene Rekening.
Voor meer bijzonderheden over de belangrijkste kapitaalratio's per segment wordt verwezen naar Bijlage 5 (blz. 33).
Conference call voor analisten en beleggers 9 november 2011 om 09.30 CET
Audiocast: www.ageas.com Inbelnummers (toegangscode 493932#) + 44 207 750 9926 (Verenigd Koninkrijk) + 32 2 400 25 25 (België) + 1 914 885 0779 (VERENIGDE STATEN)
Opnieuw afspelen beschikbaar tot 9 december 2011 (Access Code: 378370#) + 32 2 401 89 89 (België)
Graag vijf a tien minuten van tevoren bellen: de lijnen gaan tien minuten voor de conferentie open.
Er is geen persconferentie voorzien
Disclaimer
De informatie op basis waarvan de verklaringen in dit persbericht zijn opgesteld, is onderhevig aan veranderingen en dit persbericht bevat mogelijk ook schattingen en andere toekomstgerichte verklaringen met betrekking tot Ageas. Deze verklaringen zijn gebaseerd op de huidige verwachtingen van de directie van Ageas en zijn vanzelfsprekend onderhevig aan onzekerheden, veronderstellingen en eventuele wijzigingen in de omstandigheden. De financiële informatie in dit bericht is niet door een accountant gecontroleerd.
De verklaringen met betrekking tot de toekomst zijn geen garantie voor toekomstige prestaties en brengen risico's en onzekerheden met zich mee die tot gevolg kunnen hebben dat de eigenlijke resultaten aanzienlijk verschillen van deze uitgedrukt in de verklaringen met betrekking tot de toekomst. Veel van deze risico's en onzekerheden hebben te maken met factoren die buiten de controle van Ageas liggen of die Ageas niet precies kan inschatten, zoals toekomstige marktomstandigheden en het gedrag van andere marktpartijen. Andere niet bekende of onvoorspelbare factoren buiten de controle van Ageas kunnen eveneens voor een aanzienlijk verschil zorgen tussen de eigenlijke resultaten en deze in de verklaringen en zijn bijvoorbeeld (maar niet beperkt tot) het verkrijgen van toestemming van regelgevende of toezichthoudende Autoriteiten en de uitkomst van de hangende en toekomstige rechtszaken waarbij Ageas betrokken is. Om die reden is het niet aanbevolen deze verklaringen blindelings te volgen. Ageas is niet verplicht of van plan deze verklaring bij te werken, al dan niet als gevolg van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderzijds, behalve wanneer de wet dit vereist.
Bijlagen
Gelieve te noteren dat historische informatie en de belangrijkste indicatoren per segment uit het persbericht zijn weggelaten. Deze zijn opgenomen in het Excel-werkboek met kwartaalresultaten dat kan worden gedownload via http://www.ageas.com/nl/Pages/kwartaalcijfers.aspx.
Bijlage 1: Geconsolideerde balans op 30 september 2011
| 30 september 2011 | 31 december 2010 | |
|---|---|---|
| Activa | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 2.533,2 | 3.258,3 |
| Financiële beleggingen | 55.437,4 | 56.232,5 |
| Vastgoedbeleggingen | 1.991,1 | 1.900,3 |
| Leningen | 5.645,5 | 4.528,2 |
| Beleggingen inzake unit-linked contracten | 12.964,4 | 21.747,3 |
| Beleggingen in geassocieerde deelnemingen | 1.795,1 | 1.732,5 |
| Herverzekering en overige vorderingen | 4.351,6 | 3.828,5 |
| Actuele belastingvorderingen | 43,7 | 71,5 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 331,6 | 465,1 |
| Call optie op BNP Paribas aandelen | 361,2 | 609,0 |
| Overlopende rente en overige activa | 2.190,5 | 2.042,5 |
| Materiële vaste activa | 1.094,5 | 1.065,0 |
| Goodwill en overige immateriële vaste activa | 1.689,8 | 1.686,0 |
| Activa aangehouden voor verkoop | 8.223,8 | |
| Totaal activa | 98.653,4 | 99.166,7 |
| Verplichtingen | ||
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Leven | 24.142,2 | 23.938,4 |
| Verplichtingen inzake beleggingscontracten Leven | 27.015,2 | 26.913,8 |
| Verplichtingen inzake unit-linked contracten | 12.994,3 | 21.830,9 |
| Verplichtingen inzake verzekeringscontracten Niet-leven | 6.029,3 | 5.448,6 |
| Schuldbewijzen | 260,0 | 548,9 |
| Achtergestelde schulden | 2.948,4 | 2.926,9 |
| Leningen | 2.189,7 | 2.141,7 |
| Actuele belastingschulden | 103,7 | 46,4 |
| Uitgestelde belastingschulden | 782,0 | 682,3 |
| RPN(I) | 145,0 | 465,0 |
| Overlopende rente en overige verplichtingen | 2.178,6 | 1.947,0 |
| Voorzieningen | 2.405,4 | 2.407,6 |
| Verplichtingen met betrekking tot vaste activa aangehouden voor verkoop | 7.960,5 | |
| Totaal verplichtingen | 89.154,3 | 89.297,5 |
| Eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders | 7.927,5 | 8.247,1 |
| Minderheidsbelangen | 1.571,6 | 1.622,1 |
| Totaal eigen vermogen | 9.499,1 | 9.869,2 |
| Totaal verplichtingen en eigen vermogen | 98.653,4 | 99.166,7 |
* De cijfers van het eerste kwartaal 2010 zijn aangepast tengevolge van de nieuwe segmentrapportage en de veranderde regelgevingvoor de financiële verslaggeving in China.
Bijlage 2: Resultatenrekening
| 9M 11 | 9M 10 | Mutatie | Q3 11 | Q3 10 | Mutatie | Q2 11 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Baten | |||||||
| - Bruto premie-inkomen 1) | 7.020,4 | 7.329,1 | - 4% | 2.170,0 | 2.215,2 | - 2% | 2.233,4 |
| - Wijziging in niet-verdiende premies | - 453,8 | - 132,5 | * | - 58,7 | 11,8 | * | - 128,0 |
| - Afgestane herverzekeringspremies | - 212,0 | - 183,0 | 16% | - 70,3 | - 60,1 | 17% | - 61,5 |
| Netto verdiende premies | 6.354,6 | 7.013,6 | - 9% | 2.041,0 | 2.166,9 | - 6% | 2.043,9 |
| Rentebaten, dividenden en overige beleggingsbaten | 2.291,4 | 2.246,2 | 2% | 754,8 | 733,6 | 3% | 786,0 |
| Niet-gerealiseerde winsten(verliezen) op calloptie BNP Paribas aandelen | - 247,8 | - 44,0 | * | - 332,8 | 77,0 | * | 83,0 |
| Niet-gerealiseerde winsten(verliezen) op RPN(I) | 320,0 | - 180,0 | * | 438,0 | - 156,0 | * | 139,0 |
| Resultaat op verkoop en herwaarderingen | - 67,0 | 45,6 | * | - 155,3 | 97,2 | * | 27,7 |
| Baten uit beleggingen inzake unit-linked contracten | - 1.059,1 | 820,1 | * | - 1.131,2 | 617,9 | * | - 46,5 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | - 70,7 | 226,3 | * | - 62,6 | 178,0 | * | - 24,1 |
| Commissiebaten | 326,0 | 313,6 | 4% | 105,1 | 108,2 | - 3% | 107,3 |
| Overige baten | 199,5 | 166,0 | 20% | 87,9 | 69,2 | 27% | 61,3 |
| Totale baten | 8.046,9 | 10.607,4 | - 24% | 1.744,9 | 3.892,0 | - 55% | 3.177,6 |
| Lasten | |||||||
| - Schadelasten en uitkeringen, bruto | - 6.307,6 | - 7.221,3 | - 13% | - 1.948,2 | - 2.198,7 | - 11% | - 2.004,4 |
| - Schadelasten en uitkeringen, aandeel herverzekeraars | 95,4 | 104,3 | - 9% | 22,7 | 49,3 | - 54% | 22,6 |
| Schadelasten en uitkeringen, netto | - 6.212,2 | - 7.117,0 | - 13% | - 1.925,5 | - 2.149,4 | - 10% | - 1.981,8 |
| Lasten inzake unit-linked contracten | 1.081,4 | - 805,9 | * | 1.148,1 | - 634,1 | * | 50,5 |
| Financiële lasten | - 235,7 | - 223,0 | 6% | - 79,3 | - 79,4 | - 0% | - 77,6 |
| Wijzigingen in de waardeverminderingen | - 1.255,6 | - 59,8 | * | - 892,7 | - 35,8 | * | - 356,7 |
| Wijzigingen in voorzieningen | 0,4 | 2,3 | - 83% | 40,6 | - 0,2 | * | - 40,6 |
| Commissielasten | - 875,6 | - 779,1 | 12% | - 282,8 | - 256,2 | 10% | - 290,1 |
| Personeelslasten | - 548,8 | - 513,8 | 7% | - 182,7 | - 178,9 | 2% | - 186,1 |
| Overige lasten | - 666,4 | - 625,4 | 7% | - 251,8 | - 231,6 | 9% | - 222,3 |
| Totale lasten | - 8.712,5 | - 10.121,7 | - 14% | - 2.426,1 | - 3.565,6 | - 32% | - 3.104,7 |
| Winst voor belastingen | - 665,6 | 485,7 | * | - 681,2 | 326,4 | * | 72,9 |
| Belastingen op de winst | 31,8 | 259,8 | - 88% | 79,9 | - 85,7 | * | 3,5 |
| Nettowinst over de periode | - 633,8 | 745,5 | * | - 601,3 | 240,7 | * | 76,4 |
| Toewijsbaar aan de minderheidsbelangen | - 100,1 | 99,9 | * | - 126,4 | 50,1 | * | - 18,4 |
| Nettowinst toewijsbaar aan de aandeelhouders | - 533,7 | 645,6 | * | - 474,9 | 190,6 | * | 94,8 |
| Gegevens per aandeel (EUR) | |||||||
| Gewone winst per aandeel | - 0,21 | 0,26 | |||||
| Verwaterde winst per aandeel | - 0,21 | 0,26 |
Bijlage 3: Vergelijkbare premiegegevens
| Per segment | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | % | Q3 11 | Q3 10 | % | Q2 11 |
| België | |||||||
| Brutopremies | 3.080 | 3.335 | - 8% | 908 | 1.064 | - 15% | 950 |
| Beleggingscontracten zonder discretionaire winstdeling | 225 | 489 | - 54% | 36 | 109 | - 67% | 101 |
| Bruto premie-inkomen Leven | 3.305 | 3.824 | - 14% | 944 | 1.173 | - 20% | 1.050 |
| Brutopremies Niet-leven | 1.293 | 1.232 | 5% | 395 | 380 | 4% | 387 |
| Totaal premie-inkomen België | 4.598 | 5.055 | - 9% | 1.339 | 1.552 | - 14% | 1.437 |
| Verenigd Koninkrijk | |||||||
| Brutopremies | 36 | 19 | 92% | 14 | 8 | 75% | 12 |
| Beleggingscontracten zonder discretionaire winstdeling | - | - | * | - | - | * | - |
| Bruto premie-inkomen Leven | 36 | 19 | 91% | 14 | 8 | 75% | 12 |
| Brutopremies Niet-leven | 1.523 | 821 | 85% | 529 | 283 | 87% | 523 |
| Totaal premie-inkomen Verenigd Koninkrijk | 1.559 | 840 | 86% | 543 | 291 | 87% | 535 |
| Contintaal Europa | |||||||
| Brutopremies | 591 | 1.428 | - 59% | 164 | 321 | - 49% | 195 |
| Beleggingscontracten zonder discretionaire winstdeling | 1.100 | 1.362 | - 19% | 277 | 488 | - 43% | 386 |
| Bruto premie-inkomen Leven | 1.691 | 2.791 | - 39% | 441 | 810 | - 46% | 581 |
| Brutopremies Niet-leven | 329 | 325 | 1% | 98 | 96 | 2% | 111 |
| Totaal premie-inkomen geconsolideerde entiteiten | 2.020 | 3.116 | - 35% | 539 | 906 | - 41% | 692 |
| Niet-geconsolideerde JV's tegen 100% | 66 | - | * | 66 | - | * | - |
| Totaal premie-inkomen Continentaal Europa | 2.086 | 3.116 | - 33% | 605 | 906 | - 33% | 692 |
| Azië | |||||||
| Brutopremies | 170 | 169 | 0% | 63 | 63 | 0% | 56 |
| Beleggingscontracten zonder discretionaire winstdeling | 78 | 68 | 15% | 27 | 23 | 17% | 27 |
| Bruto premie-inkomen Leven | 248 | 237 | 5% | 90 | 86 | 5% | 83 |
| Brutopremies Niet-leven | - | - | * | - | - | * | - |
| Totaal premie-inkomen geconsolideerde entiteiten | 248 | 237 | 5% | 90 | 86 | 5% | 83 |
| Niet-geconsolideerde JV's tegen 100% | 4.393 | 4.487 | - 2% | 1.314 | 1.264 | 4% | 1.414 |
| Totaal premie-inkomen Azië | 4.641 | 4.724 | - 2% | 1.404 | 1.350 | 4% | 1.497 |
| Totaal premie-inkomen | 12.884 | 13.736 | - 6% | 3.891 | 4.100 | - 5% | 4.161 |
| Per type | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoenen EUR | 9M 11 | 9M 10 | % | Q3 11 | Q3 10 | % | Q2 11 |
| Leven | |||||||
| België | 3.305 | 3.824 | - 14% | 944 | 1.173 | - 20% | 1.050 |
| Verenigd Koninkrijk | 36 | 19 | 89% | 14 | 8 | 75% | 12 |
| Continentaal Europa | 1.691 | 2.791 | - 39% | 441 | 810 | - 46% | 581 |
| Volledig geconsolideerd | 1.691 | 2.791 | - 39% | 441 | 810 | - 46% | 581 |
| Niet-geconsolideerde JV's tegen 100% | - | - | 0% | - | - | * | - |
| Azië | 4.178 | 4.340 | - 4% | 1.267 | 1.236 | 3% | 1.299 |
| Volledig geconsolideerd | 248 | 237 | 5% | 90 | 86 | 5% | 83 |
| Niet-geconsolideerde JV's tegen 100% | 3.930 | 4.103 | - 4% | 1.177 | 1.150 | 2% | 1.216 |
| Totaal premie-inkomen Leven | 9.210 | 10.974 | - 16% | 2.666 | 3.227 | - 17% | 2.942 |
| Niet-leven | |||||||
| België | 1.293 | 1.232 | 5% | 395 | 380 | 4% | 387 |
| Verenigd Koninkrijk | 1.523 | 821 | 86% | 529 | 283 | 87% | 523 |
| Continentaal Europa | 395 | 325 | 22% | 164 | 96 | 71% | 111 |
| Volledig geconsolideerd | 329 | 325 | 1% | 98 | 96 | 2% | 111 |
| Niet-geconsolideerde JV's tegen 100% | 66 | - | * | 66 | - | * | - |
| Azië | 463 | 385 | 20% | 137 | 115 | 19% | 198 |
| Volledig geconsolideerd | - | - | * | - | - | * | - |
| Niet-geconsolideerde JV's tegen 100% | 463 | 385 | 20% | 137 | 115 | 19% | 198 |
| Totaal bruto-premies Niet-Leven | 3.674 | 2.763 | 33% | 1.225 | 874 | 40% | 1.219 |
| Totaal premie-inkomen | 12.884 | 13.737 | - 6% | 3.891 | 4.101 | - 5% | 4.161 |
Bijlage 4: Premie-inkomen per regio
Belangrijkste cijfers per regio
| in miljoenen EUR | Bruto-premie-inkomen Leven Bruto-premies Niet-leven Totaal |
||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| % eigendom |
9M 11 | 9M 10 | Q3 11 | Q3 10 | 9M 11 | 9M 10 | Q3 11 | Q3 10 | 9M 11 | 9M 10 | Q3 11 | Q3 10 | |
| België | 75% | 3.305 | 3.823 | 945 | 1.173 | 1.293 | 1.232 | 394 | 380 | 4.598 | 5.055 | 1.339 | 1.553 |
| Verenigd Koninkrijk | 100% | 36 | 19 | 14 | 7 | 1.523 | 821 | 529 | 283 | 1.559 | 840 | 543 | 290 |
| Continentaal Europa | 1.691 | 2.791 | 440 | 810 | 395 | 325 | 164 | 96 | 2.086 | 3.116 | 604 | 906 | |
| Geconsolideerde entiteiten | 1.691 | 2.791 | 440 | 810 | 329 | 325 | 98 | 96 | 2.020 | 3.116 | 538 | 906 | |
| Portugal | 51% | 864 | 1.365 | 205 | 308 | 180 | 175 | 56 | 54 | 1.044 | 1.540 | 261 | 362 |
| Frankrijk | 100% | 229 | 290 | 57 | 82 | - | - | - | - | 229 | 290 | 57 | 82 |
| Luxemburg | 50% | 567 | 1.051 | 167 | 394 | - | - | - | - | 567 | 1.051 | 167 | 394 |
| Oekraïne | 100% | - | 2 | - | 1 | - | - | - | - | - | 2 | - | 1 |
| Duitsland | 100% | 31 | 32 | 11 | 9 | - | - | - | - | 31 | 32 | 11 | 9 |
| Turkije | 100% | - | 51 | - | 16 | - | - | - | - | - | 51 | - | 16 |
| Italië | 100% | - | - | - | - | 149 | 150 | 42 | 42 | 149 | 150 | 42 | 42 |
| Niet-geconsolideerde JV's tegen 100% |
|||||||||||||
| Turkije (AKsigorta) | 31% | - | - | - | - | 66 | - | 66 | - | 66 | - | 66 | - |
| Azië | 4.178 | 4.340 | 1.267 | 1.236 | 463 | 385 | 137 | 115 | 4.641 | 4.725 | 1.404 | 1.351 | |
| Geconsolideerde entiteiten | |||||||||||||
| Hongkong | 100% | 248 | 237 | 91 | 87 | - | - | - | - | 248 | 237 | 91 | 87 |
| Niet-geconsolideerde | |||||||||||||
| JV's tegen 100% | |||||||||||||
| Maleisië | 31% | 435 | 577 | 142 | 145 | 368 | 303 | 103 | 84 | 803 | 880 | 246 | 229 |
| Thailand | 31%/13% | 701 | 529 | 258 | 180 | 95 | 82 | 34 | 31 | 796 | 611 | 291 | 211 |
| China | 25% | 2.700 | 2.897 | 746 | 787 | - | - | - | - | 2.700 | 2.897 | 746 | 787 |
| India | 26% | 94 | 100 | 30 | 37 | - | - | - | - | 94 | 100 | 30 | 37 |
| Totaal | 9.210 | 10.973 | 2.666 | 3.226 | 3.674 | 2.763 | 1.224 | 874 | 12.884 | 13.736 | 3.890 | 4.100 |
Bijlage 5: Solvabiliteit per regio
| Belangrijkste kapitaalindicatoren | 30-09-2011 | 31-12-2010 |
|---|---|---|
| België | ||
| Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | 2.730 | 2.632 |
| Totaal beschikbaar kapitaal | 3.911 | 4.313 |
| Minimale solvabiliteitseisen | 2.221 | 2.163 |
| Totaal kapitaal boven minimale solvabiliteitseisen | 1.690 | 2.150 |
| Totale solvabiliteitsratio | 176% | 199% |
| Verenigd Koninkrijk | ||
| Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | 941 | 776 |
| Totaal beschikbaar kapitaal | 804 | 658 |
| Minimale solvabiliteitseisen | 349 | 192 |
| Totaal kapitaal boven minimale solvabiliteitseisen | 455 | 466 |
| Totale solvabiliteitsratio | 230% | 343% |
| Continentaal Europa | ||
| Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | 862 | 893 |
| Totaal beschikbaar kapitaal | 1.023 | 1.183 |
| Minimale solvabiliteitseisen | 508 | 562 |
| Totaal kapitaal boven minimale solvabiliteitseisen | 515 | 621 |
| Totale solvabiliteitsratio | 201% | 210% |
| Azië | ||
| Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | 1.549 | 1.440 |
| Totaal beschikbaar kapitaal | 1.156 | 1.131 |
| Minimale solvabiliteitseisen | 373 | 333 |
| Totaal kapitaal boven minimale solvabiliteitseisen | 783 | 798 |
| Totale solvabiliteitsratio | 310% | 340% |
| Consolodatie-aanpassing totaal beschikbaar kapitaal | 342 | 255 |
| Totaal Verzekeringen | ||
| Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | 6.082 | 5.741 |
| Totaal beschikbaar kapitaal | 7.236 | 7.540 |
| Minimale solvabiliteitseisen | 3.451 | 3.250 |
| Totaal kapitaal boven minimale solvabiliteitseisen | 3.785 | 4.290 |
| Totale solvabiliteitsratio | 210% | 232% |
| Algemeen (na eliminaties) | ||
| Eigen vermogen toewijsbaar aan aandeelhouders | 1.846 | 2.506 |
| Totaal beschikbaar kapitaal | 2.089 | 2.334 |
| Totale solvabiliteitsratio Ageas | 270% | 303% |
Bijlage 6: Overheidsobligatieportefeuille op 30 september 2011
(geboekt onder "Voor verkoop beschikbaar" en "Tot einde looptijd aangehouden")
| Historische kostprijs/ Bruto ongerealiseerde Bijzondere Reële (EUR mio) Amortisatiewaarde winst (verlies) waardeverminderingen waarden 30 september 2011 België 13.540,1 461,6 14.001,7 Nederland 1.493,5 108,2 1.601,7 Duitsland 2.307,6 365,6 2.673,2 Italie 2.380,7 - 337,2 2.043,5 Frankrijk 3.971,1 294,6 4.265,7 Verenigd Koninkrijk 663,6 34,5 698,1 Griekenland 1.684,6 - 1.046,2 638,4 Spanje 1.180,0 - 107,4 1.072,6 Portugal 719,4 - 184,2 535,2 Oostenrijk 2.284,9 193,8 2.478,7 Finland 267,8 22,2 290,0 Ierland 560,4 - 55,1 505,3 Overige 1.593,3 95,8 1.689,1 Totaal beschikbaar voor verkoop 32.647,0 892,4 - 1.046,2 32.493,2 Portugal 488,3 Totaal tot einde looptijd aangehouden 488,3 30 juni 2011 België 11.134,4 3,6 11.138,0 Nederland 1.182,5 24,7 1.207,2 Duitsland 2.565,0 97,7 2.662,7 Italie 3.571,6 - 149,6 3.422,0 Frankrijk 4.296,4 18,5 4.314,9 Verenigd Koninkrijk 615,3 14,1 629,4 Griekenland 1.741,8 - 491,6 - 322,2 928,0 Spanje 1.721,7 - 126,4 1.595,3 Portugal 758,3 - 175,4 582,9 Oostenrijk 2.232,5 42,4 2.274,9 Finland 614,8 2,0 616,8 Ierland 570,2 - 178,6 391,6 Overige 1.495,4 27,3 1.522,7 Totaal beschikbaar voor verkoop 32.499,9 - 891,3 - 322,2 31.286,4 Portugal 482,9 Totaal tot einde looptijd aangehouden 482,9 31 december 2010 België 9.948,1 128,0 10.076,1 Nederland 1.288,2 48,0 1.336,2 Duitsland 2.628,8 149,9 2.778,7 Italie 3.683,4 - 110,3 3.573,1 Frankrijk 4.069,6 92,4 4.162,0 Verenigd Koninkrijk 600,4 12,8 613,2 Griekenland 1.832,0 - 624,1 1.207,9 Spanje 1.730,0 - 129,0 1.601,0 Portugal 1.654,2 - 142,4 1.511,8 Oostenrijk 2.543,2 81,4 2.624,6 Finland 740,5 14,8 755,3 Ierland 599,1 - 109,7 489,4 Overige 1.524,4 48,4 1.572,8 Totaal beschikbaar voor verkoop 32.841,9 - 539,8 32.302,1 Portugal Totaal tot einde looptijd aangehouden |
|||
|---|---|---|---|