Annual Report • Mar 31, 2017
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
| Missie 6 | |
|---|---|
| 2016 in een oogopslag 8 | |
| Markante feiten 2016 10 |
| Woord van de voorzitters14 | |
|---|---|
| Jaarverslag over | |
| de enkelvoudige jaarrekening18 | |
| Jaarverslag over | |
| de geconsolideerde jaarrekening 20 | |
| Verklaring inzake deugdelijk bestuur27 | |
| Remuneratieverslag36 | |
| Maatschappelijk verantwoord ondernemen39 | |
| Dagelijkse leiding en controle44 |
| DEME 50 | |
|---|---|
| CFE54 | |
| Algemene Aannemingen Van Laere 56 | |
| Rent-A-Port58 | |
| Green Offshore59 |
| Delen Investments62 | |
|---|---|
| Bank J.Van Breda & C°66 | |
| ASCO-BDM69 |
| Extensa72 | |
|---|---|
| Leasinvest Real Estate 75 | |
| Anima Care 78 | |
| HPA80 |
| Inhoudstafel 111 | |
|---|---|
| Geconsolideerde jaarrekening112 | |
| Enkelvoudige jaarrekening175 | |
| Sipef84 | |
|---|---|
| NMP87 | |
| Sagar Cements88 | |
| Oriental Quarries & Mines89 |
Onze missie is aandeelhouderswaarde creëren door te investeren op lange termijn in een beperkt aantal strategische participaties met internationaal groeipotentieel.
Cloche d'Or (Luxemburg) en Tour & Taxis (Brussel), waar ze een akkoord sloot over de verkoop van het Herman Teirlinck-gebouw.
| (€ mio) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting | 105,2 | 109,2 |
| Private Banking | 98,5 | 104,0 |
| Real Estate & Senior Care | 46,2 | 35,6 |
| Energy & Resources | 9,2 | 7,4 |
| Bijdrage van de kernsectoren | 259,1 | 256,2 |
| Growth Capital | 2,7 | 8,9 |
| AvH & subholdings | -10,8 | -9,8 |
| Netto meer/minwaarden en waardeverminderingen | -26,8 | 5,2 |
| Resultaat voor uitzonderlijke resultaten | 224,2 | 260,5 |
| Uitzonderlijke resultaten | - | 23,5(1) |
| Geconsolideerd nettoresultaat | 224,2 | 284,1 |
(1) Herwaarderingsmeerwaarde Tour & Taxis
| (€ mio) | 31.12.2016 | 31.12.2015 |
|---|---|---|
| Eigen vermogen (deel van de groep - voor winstverdeling) | 2.783,1 | 2.607,3 |
| Nettothesaurie van AvH & subholdings | 68,3 | 76,3 |
Marine Engineering & Contracting
België
Europa
Rest van de wereld
(2) Gebaseerd op geconsolideerde gegevens 2016, pro forma: alle (exclusieve) controlebelangen integraal, de overige belangen proportioneel
• AvH vermindert haar participatie in Holding Groupe Duval van 37,8% tot 21,8% door deze om te zetten in een bijkomende deelneming van 25% in Patrimoine & Santé, tot 47,5%.
• CFE krijgt het contract toegewezen voor de bouw (in partnership) van het nieuwe ZNAziekenhuis in Antwerpen.
Extensa verwerft het voormalige kantoorgebouw van de douane op Tour & Taxis.
HPA - Le Grand Jardin 2. DEME - Bonny River 3. DEME / CFE - Fehmernbelt Fixed Link-project 4. Jan Suykens - Luc Bertrand
DEME bestelt de 'Bonny River', een sleephopperzuiger van de nieuwe generatie.
DEME en Siemens tekenen een EPCI-funderingscontract voor offshore windpark Hohe See (Duitsland).
DEME Concessions neemt participatie in Schots ontwikkelingsbedrijf voor getijdenenergie.
Leasinvest Real Estate tekent vruchtgebruikovereenkomst met het Europees Parlement voor het te herontwikkelen gebouw Montoyer in Brussel.
Tideway (DEME) tekent een contract voor de aanleg van exportkabels voor het Hornsea Project One offshore windturbinepark.
8
7
• Rentel bereikt de 'financial close' voor het 309 MW offshore windproject in de Belgische Noordzee.
december
• Sipef bereikt een akkoord over de verhoging van haar belang in PT Agro Muko tot 95%.
Partners for Sustainable Growth
Dames en heren aandeelhouders,
2016 is een jaar geweest van grote, zowel politieke als economische, onzekerheid en volatiliteit op de financiële markten.
Op politiek vlak hebben het referendum rond de Brexit in het Verenigd Koninkrijk, het institutioneel referendum in Italië en de presidentsverkiezingen in de VSA een verrassende uitkomst gegeven. De grote zenuwachtigheid vooraf op de markten werd telkens gevolgd door een even verrassende positieve reactie van deze markten.
Op economisch vlak heeft het lage rentebeleid van de ECB voorlopig de motor van de West-Europese economieën nog niet duurzaam aan de gang gekregen. Ondertussen staan echter zowel de rendementen van de spaarders als van de banken onder druk.
Op financieel vlak fluctueerde de olieprijs tussen 29 USD/bbl en 52 USD/bbl, palmolie tussen 566 USD en 788 USD, de Eurostoxx tussen 3.088 en 3.288 (met een dieptepunt op 2.687) en de BEL20 tussen 3.643 en 3.606 (met een dieptepunt op 3.131).
Tegen deze achtergrond hebben de bedrijven binnen de kernsectoren van de Ackermans & van Haaren groep goed standgehouden. Het feit dat hun bijdrage tot het groepsresultaat zelfs hoger uitkomt dan in het vorige recordboekjaar 2015 is een bewijs van de weerbaarheid en duurzaamheid van het gediversifieerd karakter van het AvH-model.
2016 is duidelijk een jaar waarbij het AvH-model, gericht op een evenwichtige diversificatie en een recurrente, stabiele groei van de resultaten van de kernsectoren, haar deugdelijkheid heeft bewezen. Dit werd bovendien in de verf gezet in de keuze van de nieuwe baseline van de groep: 'Partners for Sustainable Growth'.
Het succes van het AvH-model is van bij de oorsprong gebaseerd op solide partnerships. Ackermans & van Haaren heeft een bewezen track record terzake, weze het met Vinci bij DEME, de familie Delen bij de banken, de familie Bracht bij Sipef en de vele managementteams in de bedrijven. Ackermans & van Haaren is een groep van ondernemers die bedrijven wil laten groeien via diversificatie en innovatie, met een focus op operational excellence en gezonde balansen. Daarbij streven we naar recurrente resultaten in de activiteiten die we ontwikkelen. We streven hierbij niet naar een groei van de omzet, maar naar een duurzame winstgroei. Duurzaam betekent ook respect voor mens en milieu, en de wens om een langetermijnrelatie uit te bouwen met alle stakeholders van onze bedrijven. Dat is en blijft de kern van ons handelen, en van de ambitie naar creatie van duurzame aandeelhouderswaarde op lange termijn.
Ackermans & van Haaren wil dit realiseren door op lange termijn te focussen op een beperkt aantal strategische deelnemingen. Het geconsolideerd eigen vermogen van de AvH-groep is sinds de beursintroductie in 1984 jaarlijks met gemiddeld 13% gestegen. In de beginjaren presteerde één sector sterk of waren er uitzonderlijke winsten. Over de jaren heen heeft de diversificatie van de activiteiten tot een meer evenwichtige verdeling geleid.
In 2016 vertegenwoordigt het segment 'Marine Engineering & Contracting' 34% van het geconsolideerd eigen vermogen van de AvH-groep, het 'Private Banking'-segment 37% en de andere deelnemingen 29%. De groei door specialisatie, internationale diversificatie en innovatie bij DEME en onze banken, Delen Investments en Bank J.Van Breda & Co , hebben ertoe geleid dat deze 2 kernsectoren de laatste 5 jaar goed waren voor gemiddeld 84% van het 'courant' resultaat van de groep (bijdrage van de kernsectoren). Dit vormt een solide en recurrente winstbasis voor de groep. Het succes van 2016 is dat naast deze 2 groeipolen nu ook de andere activiteiten, zoals de vastgoedactiviteiten, met in het verlengde daarvan de 'senior care', en de plantages van Sipef, intussen 21% uitmaken van dit groepsresultaat. Over de laatste 5 jaar was dit gemiddeld maar 16%. Het sterke momentum inzake de ontwikkeling van de sites Tour & Taxis in Brussel en Cloche d'Or in Luxemburg, en de recurrente bijdrage van Anima Care en Residalya zorgen ook voor goede vooruitzichten in de komende jaren. De recent aangekondigde acquisities door Sipef van de minderheidsbelangen in haar plantage van Agro Muko en van de plantage van Dendy Marker doen haar areaal oliepalmen toenemen met ongeveer 30%. Deze transacties zullen bijdragen tot de groei van de recurrente bijdrage van Sipef in het segment 'Energy & Resources'. Sipef evolueert aldus naar een steeds meer strategische participatie binnen de AvH-groep.
Ackermans & van Haaren realiseert over 2016 een geconsolideerde nettowinst van 224,2 miljoen euro, t.o.v. 284,1 miljoen euro in 2015. Deze daling is het gevolg van operationele verliezen en waardeverminderingen op Groupe Flo en CKT Offshore voor een totaal bedrag van 34 miljoen euro in 2016, in tegenstelling tot niet-recurrente meerwaarden van 55 miljoen euro in 2015 (herwaarderingsmeerwaarde Tour & Taxis, Egemin). Onderliggend stijgt de bijdrage van de kernsectoren met 3 miljoen euro tot 259,1 miljoen euro.
DEME realiseert in 2016 een resultaat van 155,3 miljoen euro op een economische omzet van 1.978,2 miljoen euro, hetgeen telkens lager is dan in 2015. Door de grote werken aan het Suez-kanaal was 2015 dan ook een uitzonderlijk jaar en zelfs het beste jaar ooit in de baggersector. De tweede jaarhelft van 2016 was reeds beter dan de eerste jaarhelft dankzij de opstart van een aantal nieuwe grote projecten, voornamelijk offshore windparken. Het orderboek bereikt opnieuw een recordhoogte met 3.800 miljoen euro. Indien we rekening houden met twee reeds toegewezen maar nog niet opgestarte werven, Hohe See en Fehmernbelt, bedraagt het totale orderboek ongeveer 5 miljard euro. DEME blijft verder investeren in de vernieuwing en uitbreiding van haar vloot. Van de zes bestelde schepen verwacht DEME zowel de Minerva, Scheldt River als Livingstone te kunnen inzetten in de loop van 2017. Bovendien heeft DEME recent twee nieuwe schepen besteld die haar nog competitiever moeten maken: de Spartacus wordt de krachtigste en de meest vooruitstrevende snijkopzuiger ter wereld voor baggerwerken in de hardste rots en grondsoorten. De Orion wordt een nieuwe referentie als offshore DP3 kraanschip met een hijsvermogen van meer dan 3.000 ton op meer dan 50 m voor constructiewerken in volle zee. Door de vertraging in de levering van de nieuwe schepen is de nettoschuld van DEME tijdelijk gedaald tot 154,6 miljoen euro, tegenover een totaal eigen vermogen van 1.221 miljoen euro.
Een van de meest opmerkelijke prestaties van 2016 is de turnaround die CFE in haar traditionele bouwactiviteiten wist te realiseren. Elk van de business units van CFE draagt positief bij tot dit resultaat. Dit bewijst dat er in de voorbije jaren hard en goed gewerkt is om de organisatie te versterken, de procedures te verscherpen en de strategie te verfijnen. CFE hoopt nog steeds haar openstaande vordering op Tsjaad te innen, en heeft hiervoor een concrete oplossing aangereikt aan de lokale overheid. Het orderboek van CFE, zowel in de bouw als vastgoedontwikkeling, is goed gevuld met 956,7 miljoen euro.
Niettegenstaande uitermate volatiele beurzen, waarbij de markten in het eerste semester op bepaald ogenblik negatief waren, hebben onze bankiers een uitmuntende commerciële performantie gerealiseerd. De inflows bij Delen Private Bank bedroegen bijna 90% van de record inflows van de voorbije jaren, en bij Bank J.Van Breda & Co lagen ze quasi op het niveau van 2015. Aldus bedraagt het toevertrouwde vermogen bij Delen Private Bank per einde 2016 ongeveer 27,4 miljard euro. Indien we de deposito's en levensverzekeringsproducten bij Bank J.Van Breda & Co bijtellen, beheren de beide banken on en off balance ongeveer 33,5 miljard euro voor hun cliënteel in België. In het VK beheert JM Finn & Co 8,4 miljard pond. Door de daling van het pond (impact 1.520 miljoen euro) bedraagt dit in euro nog slechts 9.730 miljoen euro. Oyens & Van Eeghen bleef relatief stabiel op 657 miljoen euro. Delen Investments blijft sterk investeren in de versterking van haar commerciële organisatie, evenals de digitalisering van haar diensten. Aldus daalde de nettowinst tot 87,9 miljoen euro. Het eigen vermogen t.b.v. 621 miljoen euro levert een zeer solide Core Tier1-kapitaalratio op van 30,9%.
Ook de teams van Bank J.Van Breda & C° realiseerden een sterke commerciële performantie met een stijging van de deposito's met 7% en buitenbalansbeleggingen met 14%. De kredietportefeuille, die opnieuw steeg met 7%, kende alweer uiterst beperkte kredietverliezen van amper 0,01%. Bank J.Van Breda & C° slaagde erin de druk op de rentemarges te compenseren door een stijging van de fee-inkomsten. De daling van haar resultaat tot 37,7 miljoen euro is quasi uitsluitend te wijten aan de stijging van de bankentaks (+66%), die nu 10% van de algemene kosten uitmaakt. Ook Bank J.Van Breda & Co toont met een eigen vermogen van 518,3 miljoen euro een uiterst sterke kapitaalratio van 14,8% en een uitzonderlijke sterke balans met een leverage ratio van 9,8%.
In het vastgoedsegment blijft Leasinvest Real Estate zorgen voor een recurrente bijdrage van 10 miljoen euro, dankzij een gezonde, gediversifieerde portefeuille, met een nieuwe markt in Oostenrijk, en een actief beheer van haar panden. Bij Extensa kennen de projecten Tour & Taxis in Brussel en Cloche d'Or in Luxemburg een goed momentum, en leveren ook in 2016 een belangrijke recurrente bijdrage tot het resultaat. Op Tour & Taxis moet het Herman Teirlinck-gebouw, waarvoor een verkoopovereenkomst werd afgesloten met Baloise, opgeleverd worden in de loop van 2017. De goedkeuring van het bpa einde 2016 moet ons toelaten in 2017 te starten met de residentiële ontwikkelingen op de site. Ook in Luxemburg verloopt de residentiële ontwikkeling op de site van Cloche d'Or voorspoedig, en werd de bouw van twee kantoorgebouwen aangevat. Gebaseerd op deze ontwikkelingen moet Extensa nog enkele jaren sterke, recurrente resultaten kunnen realiseren. Door de omruiling van ons belang in Holding Groupe Duval voor een 70% deelneming in HPA/Residalya, wordt de volatiele (in 2015 negatieve) bijdrage van Duval vervangen door een positieve, recurrente bijdrage van Residalya. Residalya baat nu 2.439 bedden uit in 32 Franse residenties, terwijl Anima Care in België 1.621 bedden exploiteert in 14 residenties. Samen realiseren Anima Care en HPA reeds een winst van 6,8 miljoen euro. De operationele betrokkenheid van beide managementteams en de gedrevenheid van het personeel van beide rusthuisgroepen staan garant voor een kwaliteitsvolle dienstverlening aan de bewoners.
Sipef kende qua productie en palmolieprijzen een betere tweede jaarhelft, zodat het resultaat over het boekjaar 2016 toch nog een belangrijke stijging kende tot 39,9 miljoen USD. De belangrijkste gebeurtenissen vonden juist voor en na jaareinde plaats: in december kon Sipef een akkoord sluiten over de overname van de minderheidsbelangen in haar plantage van Agro Muko (resp. 36,84% en 10,87%) voor een bedrag van 144 miljoen USD. In februari 2017 kondigde Sipef een akkoord aan voor de aankoop van een nieuwe plantage 'Dendy Marker' (6.562 ha, uit te breiden tot maximaal 9.000 ha), onder de gebruikelijke opschortende voorwaarden, voor een waarde van 53,1 miljoen USD. Aldus kan het areaal van Sipef toenemen van 56.117 ha tot 72.840 ha (exclusief geplande aanplantingen), zonder hierbij rekening te houden met haar eigen ontwikkeling op de nieuwe plantages van Musi Rawas. Sipef plant in de komende maanden een kapitaalverhoging van 97,2 miljoen USD, die door AvH zal worden gesteund.
In september 2016 heeft AvH het minderheidsbelang van NPM Capital in Sofinim teruggekocht voor 106 miljoen euro, waardoor AvH nu de volle 100% controleert. Sofinim, en in het algemeen alle 'Growth Capital'-initiatieven van de groep worden voortaan gegroepeerd en voorgesteld binnen het segment 'AvH & Growth Capital'. Het behoort tot de taak van het AvH-team om naast het begeleiden van de kernparticipaties ook aandacht te blijven houden voor nieuwe initiatieven, ideeën en entrepreneurs om aldus de groei op langere termijn veilig te stellen, in een steeds meer globale omgeving. Buiten de waardeverminderingen van Groupe Flo en CKT Offshore, die als 'held for sale' worden aangehouden, mogen toch ook de goede prestaties van Turbo's Hoet Groep, Telemond Groep en Corelio-Mediahuis vermeld worden. Agidens, Distriplus, Euro Media Group en Manuchar houden ook goed stand.
AvH behoudt een sterke balans, hetgeen noodzakelijk is in deze volatiele markten en ter ondersteuning van de strategische prioriteiten van de deelnemingen. Het geconsolideerd eigen vermogen bedraagt 2.783 miljoen euro, zijnde 83,08 euro per aandeel. De netto cash positie bedraagt 68,3 miljoen euro.
De raad van bestuur stelt aan de algemene vergadering een bruto dividend voor van 2,04 euro (totaal van 68,3 miljoen euro), een stijging met 4%.
De raad van bestuur wenst alle medewerkers van de AvH-groep te danken voor hun dagelijkse inzet in het realiseren van de verschillende objectieven binnen hun bedrijven, en voor de groep in zijn geheel.
Luc Bertrand Voorzitter van de raad van bestuur
Jan Suykens Voorzitter van het executief comité
Wij hebben de eer u verslag uit te brengen over de activiteiten van onze vennootschap gedurende het afgelopen boekjaar en zowel de enkelvoudige als de geconsolideerde jaarrekening afgesloten op 31 december 2016 ter goedkeuring voor te leggen. De jaarverslagen over de enkelvoudige en de geconsolideerde jaarrekening worden samengevoegd overeenkomstig artikel 119 W.Venn.
Tijdens het afgelopen boekjaar hebben zich geen wijzigingen voorgedaan in het kapitaal van de vennootschap. Het geplaatst kapitaal bedraagt 2.295.278 euro en wordt vertegenwoordigd door 33.496.904 aandelen, zonder vermelding van nominale waarde. Alle aandelen zijn volledig volgestort. In het kader van het aandelenoptieplan werden 40.500 opties toegekend in 2016. De per 31 december 2016 toegekende en nog niet uitgeoefende opties geven gezamenlijk recht op verwerving van 331.000 aandelen Ackermans & van Haaren (0,99%). De vennootschap heeft op 31 oktober 2008 een transparantiemelding ontvangen in het kader van de overgangsregeling van de Wet van 2 mei 2007 waarbij Scaldis Invest NV, samen met Stichting Administratiekantoor 'Het Torentje', haar deelnemingspercentage heeft meegedeeld. De relevante gegevens van deze transparantiemelding kunnen geraadpleegd worden op de website van de vennootschap (www.avh.be).
Voor een overzicht van de voornaamste activiteiten van de groep tijdens het boekjaar 2016, verwijzen wij naar het Woord van de voorzitters (pag. 14) en naar de Markante feiten (pag. 10).
3.1 Financiële toestand per 31 december 2016
De enkelvoudige jaarrekening is opgesteld overeenkomstig de Belgische boekhoudwetgeving. Het balanstotaal bedraagt eind 2016 2.537 miljoen euro, een stijging ten opzichte van vorig jaar (2015: 2.453 miljoen euro). De activa bestaan uit 11 miljoen euro materiële vaste activa (voornamelijk het kantoorgebouw gelegen aan de Begijnenvest en Schermersstraat te Antwerpen), 52 miljoen euro geldbeleggingen en 2.457 miljoen euro financiële vaste activa. Aan de passiefzijde van de balans leidt het boeken van het dividend van 68 miljoen euro en de winst van het boekjaar van 323 miljoen euro per saldo tot een eigen vermogen van 1.680 miljoen euro (2015: 1.426 miljoen euro). In dit bedrag wordt geen rekening gehouden met latente meerwaarden die in de portefeuille van Ackermans & van Haaren en groepsvennootschappen aanwezig zijn. In 2016 bestonden de financiële schulden op korte termijn voor het overgrote deel uit financiële schulden aangegaan ten opzichte van AvH Coordination Center, een vennootschap die integraal deel uitmaakt van de groep en die de rol van interne bank van de groep vervult. De overige schulden bevatten reeds de aan de gewone algemene vergadering voorgestelde winstverdeling over het boekjaar 2016. Ackermans & van Haaren kocht in de loop van 2016 356.058 eigen aandelen in en verkocht er 360.912. Deze bewegingen kaderen zowel in de uitvoering van het aandelenoptieplan als van de liquiditeitsovereenkomst met Kepler Cheuvreux die op 1 juli 2013 in voege trad.
De raad van bestuur stelt voor het resultaat (in euro) als volgt te bestemmen:
| Over te dragen winst | 1.484.102.972 |
|---|---|
| Tantièmes | 655.000 |
| Vergoeding van het kapitaal |
68.333.684 |
| Toevoeging aan de beschikbare reserves |
0 |
| Toevoeging aan de onbeschikbare reserves |
1.987.567 |
| Toevoeging aan de wettelijke reserve |
0 |
| Totaal te bestemmen | 1.555.079.223 |
| Winst van het boekjaar | 322.517.543 |
| Overgedragen winst van het vorige boekjaar |
1.232.561.679 |
De raad van bestuur stelt voor een dividend uit te keren van 2,04 euro bruto per aandeel. Na inhouding van roerende voorheffing (30%) bedraagt het nettodividend 1,4280 euro per aandeel. Indien de gewone algemene vergadering dit voorstel goedkeurt, zal het dividend betaalbaar worden gesteld vanaf 31 mei 2017. Na deze bestemming bedraagt het eigen vermogen 1.679.713.507 euro en is het als volgt samengesteld:
| Kapitaal | |
|---|---|
| Geplaatst | 2.295.278 |
| Uitgiftepremies | 111.612.041 |
| Reserves | |
| Wettelijke reserve | 248.081 |
| Onbeschikbare reserves | 24.434.922 |
| Belastingvrije reserves | 0 |
| Beschikbare reserves | 57.020.213 |
| Overgedragen winst | 1.484.102.972 |
| Totaal | 1.679.713.507 |
De resultaten van het lopende boekjaar zullen, zoals in voorgaande jaren, in belangrijke mate afhangen van de dividenden die door groepsvennootschappen worden uitgekeerd en van de verwezenlijking van eventuele meer- of minwaarden.
Sinds de afsluiting van het boekjaar 2016 hebben er zich geen belangrijke gebeurtenissen voorgedaan die de ontwikkeling van de vennootschap aanmerkelijk kunnen beïnvloeden, uitgezonderd deze vermeld in II.3 hierna.
De vennootschap heeft geen werkzaamheden op het gebied van onderzoek en ontwikkeling ondernomen.
Binnen de groep kan gebruik worden gemaakt van financiële instrumenten voor risicobeheersing. Het betreft dan met name financiële instrumenten die het risico van wijzigende interestvoeten of wisselkoersen beheersen. De tegenpartijen van deze financiële instrumenten zijn uitsluitend vooraanstaande banken. Eind 2016 had Ackermans & van Haaren, noch enige andere integraal geconsolideerde deelneming binnen het segment 'AvH & subholdings', dergelijke instrumenten uitstaan.
Uittreksel uit de notulen van de raad van bestuur van 21 maart 2016:
"Voor de raad van bestuur de beraadslaging aanvat over het nieuwe ontwerp van aandeelhoudersovereenkomst met de familie Delen m.b.t. beide banken, deelt Jacques Delen mee dat hij als partij bij deze overeenkomst een belang heeft van vermogensrechtelijke aard in de zin van artikel 523 W.Venn.
Jacques Delen zal na afloop van de vergadering de commissaris van de vennootschap op de hoogte brengen van het potentiële belangenconflict. Jacques Delen verlaat de vergadering en neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming over dit punt.
Piet Bevernage meldt dat de voornaamste reden voor de aanpassing van de aandeelhoudersovereenkomst van 30 januari 2004 tussen Ackermans & van Haaren en de familie Delen voortvloeit uit de vraag van de NBB om de commanditaire vennootschapsstructuur van Delen Investments op te heffen omdat deze een deugdelijke prudentiële controle over de banken in de weg zou staan. Vermits de gezamenlijke controle tussen Ackermans & van Haaren en de familie Delen over Bank Delen thans georganiseerd is via deze commanditaire vennootschapsstructuur, houdt een opheffing van deze structuur in dat de gezamenlijke controle voortaan zal moeten georganiseerd worden via een combinatie van contractuele en statutaire mechanismen. Piet Bevernage overloopt vervolgens de voornaamste verschilpunten tussen de bestaande overeenkomst van 30 januari 2004 en het nieuwe ontwerp (op vlak van medezeggenschap, dividendbeleid, niet-concurrentie en termijn van de afspraken).
De raad van bestuur staat tot slot nog stil bij enkele punctuele bepalingen uit de (samenvatting van de) ontwerpovereenkomst.
De raad van bestuur is van oordeel dat de voortzetting van de succesvolle samenwerking met de familie Delen in het belang is van de vennootschap en keurt de voorgestelde krachtlijnen van de nieuwe aandeelhoudersovereenkomst goed. De nieuwe aandeelhoudersovereenkomst zal geen noemenswaardige bijkomende vermogensrechtelijke gevolgen hebben voor de vennootschap.
Jacques Delen vervoegt opnieuw de vergadering."
Overeenkomstig artikel 134, §§2 en 4 W.Venn. delen wij u mee dat er een bijkomende vergoeding werd betaald van 6.050 euro (excl. btw) aan Ernst & Young Tax Consultants voor fiscale adviezen en 1.250 euro (excl. btw) aan Ernst & Young Bedrijfsrevisoren voor diverse werkzaamheden.
Op 26 november 2014 heeft de buitengewone algemene vergadering de raad van bestuur van Ackermans & van Haaren gemachtigd om eigen aandelen in te kopen binnen welbepaalde koersvorken en dit gedurende een periode van 5 jaar. Tijdens het boekjaar 2016 heeft Ackermans & van Haaren 356.058 eigen aandelen ingekocht zowel met het oog op de indekking van haar verbintenissen in het kader van het aandelenoptieplan (15.000 aandelen) als in het kader van haar liquiditeitsovereenkomst met Kepler Cheuvreux. Meer details hierover zijn terug te vinden in de financiële staten (pag. 167-168).
Rekening houdend met de verkoop van 360.912 aandelen is de situatie per 31 december 2016 als volgt:
| Aantal eigen aandelen | 302.978 (0,90%) |
|---|---|
| Fractiewaarde per aandeel | 0,07 euro |
| Gemiddelde prijs per aandeel |
80,53 euro |
| Totale investeringswaarde | 24.400.170,03 euro |
Daarnaast bezit Brinvest, een rechtstreekse dochtervennootschap van Ackermans & van Haaren, nog 51.300 aandelen Ackermans & van Haaren.
Bij brief van 18 februari 2008 heeft Scaldis Invest de vennootschap een mededeling verstuurd, opgesteld overeenkomstig artikel 74, §7 van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen. Uit deze mededeling blijkt dat Scaldis Invest meer dan 30% van de effecten met stemrecht bezit van Ackermans & van Haaren en dat Stichting Administratiekantoor 'Het Torentje' de uiteindelijke controle heeft over Scaldis Invest.
De buitengewone algemene vergadering heeft op 26 november 2014 de machtiging aan de raad van bestuur hernieuwd om, in geval van openbaar overnamebod op de effecten van Ackermans & van Haaren, tot kapitaalverhoging over te gaan onder de voorwaarden en binnen de grenzen van artikel 607 W.Venn.
De raad van bestuur kan van deze machtiging gebruik maken, indien de kennisgeving van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) aan de vennootschap, dat haar is kennis gegeven van een openbaar overnamebod, niet later dan drie jaar na de datum van voormelde buitengewone algemene vergadering plaatsvindt, d.i. 26 november 2017.
De raad van bestuur is tevens gemachtigd gedurende een periode van drie jaar, die verstrijkt op 14 december 2017, om aandelen van de vennootschap te verkrijgen of te vervreemden wanneer zulks noodzakelijk zou zijn om te voorkomen dat de vennootschap een ernstig en dreigend nadeel zou lijden.
Dit hoofdstuk beschrijft in algemene bewoordingen enerzijds de risico's waarmee Ackermans & van Haaren wordt geconfronteerd als internationale investeringsmaatschappij en anderzijds de operationele en financiële risico's verbonden aan de verschillende segmenten waarin zij actief is (hetzij rechtstreeks, hetzij onrechtstreeks via haar deelnemingen).
Het executief comité van Ackermans & van Haaren is verantwoordelijk voor de voorbereiding van een kader van interne controle en risicobeheer dat ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de raad van bestuur. De raad van bestuur is bevoegd voor de beoordeling van de implementatie van dit kader, rekening houdend met de aanbevelingen van het auditcomité. Minstens éénmaal per jaar evalueert het auditcomité de systemen van interne controle die het executief comité heeft uitgewerkt om zich ervan te vergewissen dat de voornaamste risico's behoorlijk werden geïdentificeerd, gemeld en beheerd. De dochtervennootschappen van Ackermans & van Haaren zijn verantwoordelijk voor het beheer van hun eigen operationele en financiële risico's. Deze risico's, die variëren naargelang de sector, worden niet centraal beheerd op het niveau van Ackermans & van Haaren. De managementteams van de betrokken dochtervennootschappen rapporteren aan hun raad van bestuur of auditcomité over hun risicobeheer.
Het doel van Ackermans & van Haaren is aandeelhouderswaarde te creëren door te investeren op lange termijn in een beperkt aantal strategische participaties. De beschikbaarheid van opportuniteiten voor investeringen en desinvesteringen is echter onderhevig aan macro-economische, politieke en sociale omstandigheden. De verwezenlijking van de doelstelling kan negatief beïnvloed worden door moeilijkheden bij het identificeren of financieren van transacties of bij de overname, integratie of verkoop van deelnemingen.
De definitie en de uitvoering van de strategie van de deelnemingen is eveneens afhankelijk van deze macro-economische, politieke en sociale omstandigheden. Door als proactieve aandeelhouder te focussen op lange termijn waardecreatie en op het behoud van operationele en financiële discipline, tracht Ackermans & van Haaren deze risico's zo veel mogelijk te beperken.
Ackermans & van Haaren werkt in verschillende deelnemingen samen met partners. Bij Delen Investments wordt bijvoorbeeld de controle gedeeld met de familie Jacques Delen. Strategische beslissingen vereisen het voorafgaandelijk akkoord van beide partners. In bepaalde deelnemingen bezit AvH een minderheidsbelang. De verminderde controle, die daaruit kan voortvloeien, zou tot relatief meer risico's kunnen leiden, maar wordt opgevangen door een nauwe samenwerking met en een actieve vertegenwoordiging in de raad van bestuur van de betrokken deelnemingen.
Ingevolge haar notering op Euronext Brussels is Ackermans & van Haaren onderworpen aan bepalingen op het vlak van o.m. informatieverplichtingen, transparantiemeldingen, openbare overnamebiedingen, deugdelijk bestuur en misbruik van voorkennis. Ackermans & van Haaren besteedt de nodige aandacht aan de opvolging en naleving van deze vaak wijzigende wet- en regelgeving.
De volatiliteit op de financiële markten heeft een invloed op de waarde van het aandeel van Ackermans & van Haaren en van een aantal van haar genoteerde deelnemingen. Zoals hoger vermeld, streeft Ackermans & van Haaren naar een systematische creatie van aandeelhouderswaarde op lange termijn. Koersschommelingen op korte termijn en de daaraan verbonden speculatie kunnen leiden tot een tijdelijk afwijkend risicoprofiel voor de aandeelhouder.
Ackermans & van Haaren heeft voldoende middelen ter beschikking om haar strategie uit te voeren en streeft naar een positie zonder netto financiële schulden. De dochtervennootschappen zijn verantwoordelijk voor hun eigen schuldfinanciering, met dien verstande dat Ackermans & van Haaren in principe geen kredietlijnen of zekerheden verschaft aan of ten behoeve van haar deelnemingen. De externe financiële schulden van 'AvH & subholdings' komen hoofdzakelijk overeen met de door Ackermans & van Haaren uitgegeven thesauriebewijzen (commercial paper-programma).
Ackermans & van Haaren beschikt over bevestigde kredietlijnen van verschillende banken met wie zij op lange termijn samenwerkt, en die de uitstaande commercial paper-verplichtingen ruim overtreffen. De raad van bestuur is van oordeel dat het liquiditeitsrisico eerder beperkt is.
De operationele risico's van dit segment zijn vooral verbonden aan de uitvoering van vaak complexe aannemingswerken te land en op het water en hebben o.m. betrekking op: het technisch ontwerp van de projecten en de integratie van nieuwe technologieën; de bepaling van de prijs bij aanbesteding met, ingeval van afwijking, de mogelijkheid of onmogelijkheid om zich in te dekken tegen meerkosten en prijsverhogingen; de prestatieverplichtingen (naar kost, conformiteit, kwaliteit, uitvoeringstermijn) met de rechtstreekse en onrechtstreekse gevolgen die daaraan verbonden zijn; het tijdsverschil tussen de offerte en de effectieve uitvoering; de evolutie van het reglementair kader; en de relaties met onderaannemers, leveranciers en partners. Binnen nieuwe markten zoals de ontwikkeling van concessies voor windmolenparken worden de bedrijven geconfronteerd met een nog niet gestabiliseerd reglementair kader, de technologische evoluties en het vermogen om deze grootschalige projecten te financieren. Om deze risico's het hoofd te kunnen bieden, werken de verschillende participaties met gekwalificeerde en ervaren medewerkers. Door deelname aan risicocomités bij DEME, CFE en Van Laere volgt Ackermans & van Haaren de operationele risico's op de voornaamste projecten op vanaf de tenderfase.
De bouw- en baggersector is typisch onderhevig aan conjuncturele bewegingen. De markt van grote traditionele infrastructuurbaggerwerken kan sterke cyclische schommelingen ondergaan, zowel op nationaal als internationaal vlak. Het investeringsbeleid van zowel private opdrachtgevers (vb. petroleummaatschappijen of mijnbouwgroepen) als lokale en nationale overheden wordt hierdoor immers beïnvloed. Aangezien DEME, CFE en Rent-A-Port actief zijn in landen zoals Oman, Qatar, Vietnam, Tsjaad en Nigeria, zijn ze blootgesteld aan politieke risico's. Hier gelden persoonlijke relaties en een sterk lokaal netwerk als belangrijkste factoren van risicomanagement.
DEME is in belangrijke mate actief buiten de eurozone en loopt daardoor een wisselkoersrisico. DEME dekt zich in tegen wisselkoersschommelingen of gaat over tot termijnverkoop van vreemde valuta's. Ook bepaalde materialen of grondstoffen, zoals brandstof, worden ingedekt. Bij CFE bevinden de meeste activiteiten zich binnen de eurozone, doch desgevallend wordt getracht de blootstelling aan de fluctuaties van vreemde valuta te beperken. Hoewel Rent-A-Port vooral actief is in landen buiten de eurozone, wordt het vooral aan de USD blootgesteld aangezien de meeste commerciële contracten in USD worden afgesloten.
CFE - Docks - Brussel
CFE - Wroclaw - Polen
Gelet op de omvang van de contracten in dit segment wordt ook het kredietrisico van nabij opgevolgd. Zowel DEME als CFE hebben procedures opgesteld teneinde het risico te beperken van hun klantenvorderingen. Bovendien wordt een groot deel van de geconsolideerde omzet met overheden of met openbare besturen gelieerde klanten gerealiseerd. Verder wordt de concentratie van het tegenpartijrisico beperkt door het grote aantal klanten. Om het risico in te dijken, volgen de betrokken deelnemingen voortdurend de uitstaande klantenvorderingen op en stellen desgevallend hun positie bij. Zo doet DEME in het kader van belangrijke buitenlandse contracten geregeld een beroep op de Credendo Group, in zoverre het betrokken land daarvoor in aanmerking komt en het risico door een kredietverzekering kan worden gedekt. Voor grote infrastructuurbaggerwerken is DEME afhankelijk van de capaciteit van klanten om financiering te bekomen en kan zij desgevallend zelf projectfinanciering organiseren. Ondanks het feit dat het kredietrisico nooit volledig kan worden uitgesloten, wordt het toch beperkt. Het orderboek van CFE in Afrika vermindert als gevolg van een grotere selectiviteit bij het aannemen van projecten. Eind 2016 had de groep CFE in Tsjaad nog een nettovordering van ongeveer 60 miljoen euro op de staat. Het innen van deze vorderingen betekent ook in 2017 een belangrijke uitdaging. CFE stelt samen met de lokale overheid alles in het werk om een financiering te vinden teneinde de betaling van de vorderingen mogelijk te maken. Rent-A-Port heeft een beperkt aantal klanten en tegenpartijen door het type van activiteiten waarin de groep actief is. Hierdoor loopt het een verhoogd
kredietrisico. Door zich contractueel voldoende in te dekken en door sterke relaties op te bouwen en te onderhouden met haar klanten, weet de groep dit risico in te perken. De bedrijven uit het segment 'Marine Engineering & Contracting' factureren en worden betaald a rato van de vooruitgang van de werken.
Het liquiditeitsrisico wordt beperkt door enerzijds de krediet- en garantielijnen te spreiden over verschillende banken, en anderzijds in belangrijke mate te spreiden op lange termijn. DEME waakt permanent over haar balansstructuur en streeft een evenwichtige verhouding na tussen de geconsolideerde eigen vermogenspositie en de geconsolideerde nettoschulden. De investeringen van DEME gebeuren overwegend in materiaal dat een lange levensduur heeft en over meerdere jaren wordt afgeschreven. DEME streeft er daarom naar een aanzienlijk deel van haar schulden op lange termijn te structureren. DEME heeft in 2015 een nieuwe bankfinancieringsstructuur uitgewerkt: in 2015 en 2016 werd telkens een op bilaterale basis een unsecured financing afgesloten met 8 resp. 9 banken, met een gemiddelde looptijd van 7 resp. 7,5 jaar. Bepaalde kredietovereenkomsten bevatten ratio's (covenants), die DEME dient na te leven. Om bovendien de financiering te diversifiëren over meerdere bronnen, heeft DEME in januari 2013 een obligatielening uitgegeven van 200 miljoen euro. Deze werd geplaatst bij een gediversifieerde groep (voornamelijk privé-) investeerders. Conform de uitgiftemodaliteiten zal DEME geen tussentijdse terugbetalingen verrichten van de hoofdsom, doch alles terugbetalen op de eindvervaldag in 2019.
Zowel Delen Investments als Bank J.Van Breda & C° zijn gespecialiseerde nichespelers met een cultuur van voorzichtigheid, wat de impact van het operationele risico op beide banken beperkt. Operationele afdelingen en controlefuncties werken nauw samen in een 'three lines of defence'-model om de kwaliteit van operaties te bewaken. Zij worden hierin bijgestaan door een performant informaticasysteem dat de belangrijkste processen automatiseert en voorziet van ingebouwde controles. Teneinde de continuïteit van de activiteiten te verzekeren in het geval een noodsituatie zich zou voordoen, beschikken beide organisaties over uitgewerkte continuïteits- en herstelplannen.
Het kredietrisico en het risicoprofiel van de beleggingsportefeuille worden zowel bij Delen Investments als bij Bank J.Van Breda & C° al jarenlang bewust erg laag gehouden. De banken beleggen conservatief. Bij Delen Private Bank is de kredietverlening zeer beperkt qua volume, gezien dit enkel een ondersteunend product in het kader van het vermogensbeheer is. De toegekende kredieten betreffen meestal tijdelijke overbruggingsbehoeften en worden ruimschoots gedekt door een pand op een effectenportefeuille. Het kredietrisico bij JM Finn & Co is zeer beperkt. De kredietportefeuille van Bank J.Van Breda & C° is zeer gespreid onder het cliënteel van lokale ondernemers en vrije beroepen bij Bank J.Van Breda & C° en van kaderleden bij ABK bank. De bank hanteert hierbij concentratielimieten per sector en maximale kredietbedragen per relatie.
Bank J.Van Breda & C° voert een voorzichtig beleid inzake renterisico, ruim binnen de normen van de NBB. Daar waar de looptijden van activa en passiva onvoldoende overeenkomen, zet de bank indekkingsinstrumenten (een combinatie van renteswaps en opties) in om dit te corrigeren. Het renterisico bij Delen Investments is beperkt, gelet op het feit dat zij zich hoofdzakelijk richt op vermogensbeheer.
Delen Investments streeft ernaar het wisselkoersrisico continu te beperken. De posities in deviezen worden stelselmatig opgevolgd en op de contantmarkt ingedekt. De nettoblootstelling aan het Britse pond wordt momenteel beperkt doordat de impact van een wisselkoersschommeling op het eigen vermogen van JM Finn & Co geneutraliseerd wordt door een tegenovergestelde impact op de liquiditeitsverplichting op de resterende 20% in JM Finn & Co.
Het liquiditeits- en solvabiliteitsrisico wordt permanent bewaakt in het kader van een proactief risicobeheer. De banken willen er zich op elk moment van verzekeren dat ze aan de reglementaire vereisten beantwoorden en een kapitalisatieniveau aanhouden dat ruim tegemoetkomt aan het niveau van de activiteit en de genomen risico's. Bovendien beschikken beide groepen over meer dan voldoende liquide middelen om aan de verplichtingen te voldoen, zelfs bij onvoorziene marktomstandigheden, en over sterke Core Tier1 eigen vermogen ratio's.
Beide banken hebben voldoende bescherming tegen het inkomstenvolatiliteitsrisico. De exploitatiekosten van Delen Investments worden meer dan volledig gedekt door het aandeel vaste opbrengsten, terwijl bij Bank J.Van Breda & C° de inkomsten uit relatiebankieren gediversifieerd zijn, zowel naar klanten als naar producten, en worden aangevuld door de gespecialiseerde 'vendor'-activiteit voor autodealers (Van Breda Car Finance).
Het marktrisico kan enerzijds voortvloeien uit de beperkte korte termijn beleggingen in eigen naam van Delen Investments en van Bank J.Van Breda & Co en anderzijds kan dit risico zich voordoen op openstaande posities op tussenrekeningen via dewelke effecten voor klantenportefeuilles worden verhandeld. De bedoeling is dat de posities op deze tussenrekeningen geliquideerd worden, zodat de bank niet aan een marktrisico onderworpen wordt. De marktwaarde van de vermogens die voor klanten worden beheerd, wordt mee bepaald door de evoluties op de financiële markten. Ook al heeft dit geen rechtstreekse impact op de vermogenspositie van de beide banken, toch is het totaal volume aan beheerde vermogens een bepalende factor voor hun bedrijfsopbrengsten.
Een eerste cruciaal element in de operationele ri-
sico's in de vastgoedsector betreft de kwaliteit van het aanbod van gebouwen en diensten. Daarnaast moeten lange termijn huurcontracten met solvabele huurders een zo hoog mogelijke bezettingsgraad, zowel van het vastgoed als van de diensten, en recurrente inkomstenstroom verzekeren en het risico op wanbetaling beperken. Tenslotte worden ook het renovatie- en onderhoudsrisico permanent opgevolgd. Bij Anima Care en HPA is de kwalitatieve zorg voor de residenten een belangrijk element. Er wordt dan ook veel aandacht besteed aan de werkmethodes, de operationele systemen en het personeelsbeleid om een aangename leefomgeving met kwaliteitsvolle dienstverlening te kunnen garanderen.
De vastgoedontwikkelingsactiviteit is onderhevig aan sterke cyclische schommelingen (conjunctuurrisico). Zo volgen vastgoedontwikkelingsactiviteiten voor kantoorgebouwen meer de klassieke conjunctuurcyclus, terwijl de residentiële activiteiten eerder rechtstreeks reageren op de conjunctuur, het vertrouwen en het renteniveau. Extensa Group is zowel aanwezig in de BeLux (waar het zwaartepunt van haar activiteit ligt) als in Turkije, Roemenië en Slowakije, en is daardoor ook onderhevig aan de plaatselijke conjunctuur. De spreiding van de vastgoedactiviteiten over verschillende sectoren (vb. residentieel, logistiek, kantoren, retail) leidt tot een beperking van dit risico.
Het wisselkoersrisico is eerder beperkt omdat de meeste activiteiten zich in de BeLux bevinden, met uitzondering van de activiteiten van Extensa in Turkije (risico gelinkt aan de Turkse Lira) en in Roemenië (risico gelinkt aan de RON). Door de activiteit en investering in Zwitserland staat Leasinvest Real Estate bloot aan een wisselrisico, namelijk de volatiliteit van de Zwitserse frank ten opzichte van de euro. Om dit risico te beperken wordt er overgegaan tot een afdekking van de variabiliteit met een indekkingsinstrument.
Extensa Group en LRE beschikken over de nodige lange termijn kredietfaciliteiten en back-up-lijnen voor hun commercial paper-programma om de bestaande en toekomstige investeringsnoden te dekken. Dankzij deze kredietfaciliteiten en back-uplijnen is het financieringsrisico ingedekt.
Het liquiditeitsrisico wordt beperkt door enerzijds de financieringen te spreiden over verschillende banken en anderzijds door de vervaldata van de kredietfaciliteiten te diversifiëren op lange termijn. Extensa Group heeft begin 2015, met het oog op de overname van het resterend belang van 50% in de T&T-groep, een krediet opgenomen ten belope van 75 miljoen euro, dat na de verkoop van het Koninklijk Pakhuis al gedeeltelijk werd terugbetaald. Het aanspreken van diverse financieringsbronnen werd in 2013 geconcretiseerd door de succesvolle plaatsing door Leasinvest Real Estate van een publieke en een private obligatielening voor een bedrag van resp. 75 miljoen euro en 20 miljoen euro en dit voor een looptijd van resp. 6 en 7 jaar. Bij Anima Care wordt de expansie via de overnames van bestaande residenties en de bouw van nieuwe zorgcentra enerzijds gefinancierd via volstorting van het toegestane kapitaal en anderzijds door externe financiering. Er wordt bij de financiering van de projecten rekening gehouden met de cashdrain in de start-up fase. Residalya heeft 4 bilaterale contracten ondertekend, enerzijds om een deel van haar schulden te reorganiseren, anderzijds om snel over de nodige middelen te kunnen beschikken voor investeringen. De vastgoedactiviteiten van Patrimoine & Santé worden gefinancierd met leningen op lange termijn, van 15 tot 25 jaar.
Het indekkingsbeleid van de vastgoedactiviteiten is erop gericht het renterisico zoveel mogelijk in te perken. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van financiële instrumenten.
De focus van dit segment ligt op bedrijven in groeimarkten, zoals India en Indonesië. Vermits de betrokken bedrijven in belangrijke mate actief zijn buiten de eurozone (Sagar Cements en Oriental Quarries & Mines in India, Sipef in o.m. Indonesië en Papoea-Nieuw-Guinea) is het wisselkoersrisico (zowel op de balans als op de resultatenrekening) hier relevanter dan in de andere segmenten. Ook de geopolitieke ontwikkelingen in deze regio's zijn een extra aandachtspunt.
De geproduceerde volumes en dus gerealiseerde omzet en marges van Sipef worden ook beïnvloed door klimatologische omstandigheden zoals neerslag, zonneschijn, temperatuur en vochtigheidsgraad.
Of de groep er daarnaast in slaagt om de beoogde bijkomende expansie te realiseren, hangt af van de verwerving van nieuwe concessieovereenkomsten voor agronomisch geschikte gronden, die passen in de duurzaamheidspolitiek aan economisch verantwoorde voorwaarden.
Voorts is de groep in dit segment ook blootgesteld aan schommelingen in de prijzen van grondstoffen (vb. Sipef: voornamelijk palmolie en palmpitolie; Sagar Cements: steenkool en elektriciteit).
Bij NMP wordt het risico op discontinuïteit in de inkomsten (kredietrisco) eerder laag ingeschat, vermits zij lange termijn transportovereenkomsten heeft afgesloten met grote nationale of internationale petrochemische bedrijven.
Ackermans & van Haaren stelt risicokapitaal ter beschikking aan een beperkt aantal bedrijven met internationaal groeipotentieel. De investeringshorizon is gemiddeld langer dan deze van de traditionele spelers op de private equity-markt. Deze investeringen gebeuren doorgaans met conservatieve schuldratio's, waarbij in principe geen voorschotten of zekerheden aan of ten behoeve van de betrokken deelnemingen worden verleend. Het gediversifieerde karakter van deze investeringen draagt bovendien bij tot een spreiding van de economische en financiële risico's. Ackermans & van Haaren zal deze investeringen doorgaans financieren via eigen vermogen.
De conjuncturele situatie heeft een rechtstreekse impact op de resultaten van de participaties, voornamelijk bij de meer cyclische of consumentgebonden bedrijven. De spreiding van de activiteiten van de participaties over diverse sectoren zorgt hier voor een gedeeltelijke bescherming tegen dit risico.
Elke participatie is onderhevig aan specifieke operationele risico's zoals de schommeling van de prijzen van diensten en grondstoffen, het vermogen om de verkoopprijs aan te passen en concurrentierisico's. De bedrijven volgen deze risico's zelf op en kunnen deze door operationele en financiële discipline en strategische focus trachten in te perken. De opvolging en controle door Ackermans & van Haaren als proactieve aandeelhouder spelen ook op dit vlak een belangrijke rol.
Verschillende participaties (vb. Manuchar, Telemond, Turbo's Hoet Groep) zijn in belangrijke mate actief buiten de eurozone. Het wisselkoersrisico wordt in die gevallen telkens op het niveau van de deelneming zelf opgevolgd en aangestuurd.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld overeenkomstig de 'International Financial Reporting Standards' (IFRS).
Het geconsolideerd balanstotaal van de groep per 31 december 2016 bedraagt 12.875 miljoen euro, hetgeen een stijging vertegenwoordigt van 5,1% ten opzichte van 2015 (12.253 miljoen euro). Dit balanstotaal is uiteraard beïnvloed door de manier waarop bepaalde deelnemingen in de consolidatie worden verwerkt. Met name de integrale consolidatie van de deelneming in Bank J.Van Breda & Co heeft een grote impact op de geconsolideerde balans.
Het eigen vermogen (deel groep) per einde 2016 bedroeg 2.783 miljoen euro, een stijging met 176 miljoen euro ten opzichte van 2015 (2.607 miljoen euro). In juni 2016 heeft AvH een brutodividend uitgekeerd van 1,96 euro per aandeel, wat voor een daling van het eigen vermogen met 65,7 miljoen euro heeft gezorgd.
De overname per 30 september 2016 door AvH van het minderheidsbelang van 26% in Sofinim, dat tot dan werd aangehouden door NPM Capital, heeft geleid tot een (mechanische) stijging van het deelnemingspercentage van AvH in de deelnemingen die via Sofinim worden aangehouden. Na deze transactie werd de segmentindeling gestroomlijnd. Aangezien de aansturing en opvolging van de Sofinim-portefeuille volledig kon worden geïntegreerd binnen de AvH-organisatie, wordt dat deel van de AvH-groep met ingang van de rekeningen 2016 in de rapportering gegroepeerd in één segment 'AvH & Growth Capital' en werd de presentatie ook dienovereenkomstig aangepast voor de voorgaande jaren.
AvH sluit het boekjaar 2016 af met een nettowinst van 224,2 miljoen euro (deel van de groep), wat een puik resultaat is. De bijdrage van de kernsectoren stijgt zelfs licht ten opzichte van het jaar 2015, dat nochtans een recordjaar was voor DEME en de beide banken van de groep.
In tegenstelling tot het jaar 2015, waarvan de resultaten positief werden beïnvloed door de herwaardering die moest worden uitgedrukt naar aanleiding van de controle-verwerving over de site Tour & Taxis en de meerwaarde die Agidens boekte op de verkoop van haar 'Handling Automation'-afdeling (Egemin), hadden niet-recurrente elementen een negatieve impact op de resultaten van 2016. Zo heeft AvH bovenop haar aandeel in de operationele verliezen van dochterbedrijven Groupe Flo en CKT Offshore aanzienlijke waardeverminderingen en provisies geboekt, zodat de gezamenlijke impact van deze twee deelnemingen op het groepsresultaat in 2016 34,0 miljoen euro negatief uitvalt. AvH heeft haar participaties in deze twee bedrijven opgenomen onder 'bestemd voor verkoop'.
Na de omruiling van een bijkomende schijf aandelen Holding Groupe Duval in Patrimoine & Santé begin 2016 werden de deelnemingen van AvH in Residalya en Patrimoine & Santé ingebracht in de nieuwe structuur HPA die daarmee de nieuwe koepel vormt boven de Franse rusthuisactiviteiten van de groep. Deze ontwikkeling, naast de verdere uitbouw van Anima Care in België en de goede toekomstperspectieven bij zowel Extensa als Leasinvest Real Estate, leggen de basis voor een meer recurrente en structurele bijdrage van het vastgoedsegment tot de geconsolideerde resultaten van de groep.
Eind 2016 bedroeg de netto financiële positie van Ackermans & van Haaren 68,3 miljoen euro, in vergelijking met de 76,3 miljoen euro per einde 2015. Naast liquide middelen en deposito's op korte termijn bestaat de thesaurie onder meer uit geldbeleggingen (incl. eigen aandelen) voor 68,0 miljoen euro en uit korte termijnschulden onder de vorm van commercial paper van 30,4 miljoen euro.
Een (economische) opsplitsing van de resultaten over de verschillende activiteitspolen van de groep is weergegeven in de bijlage 'Kerncijfers' van het jaarverslag.
DEME (AvH 60,4%) heeft in 2016 een nettowinst van 155,3 miljoen euro gerealiseerd. Zoals reeds aangekondigd bij de bekendmaking van de halfjaarcijfers, kon DEME haar recordjaar 2015 (met o.a. de grote werken aan het Suezkanaal) niet evenaren: de (economische) omzet bereikte uiteindelijk 1.978,2 miljoen euro (2015: 2.351,0 miljoen euro). Het opstarten van enkele grote werven voor de aanleg van offshore windparken in de loop van het tweede semester leidde, samen met de andere activiteiten van de DEME-groep, reeds tot een duidelijke stijging van het activiteitsniveau: de omzet in H2 2016 klokte af op 1.175,1 miljoen euro en DEME verwacht deze positieve evolutie te kunnen voortzetten in 2017.
De uitvoering van de vele projecten waarop DEME actief is, verliep over het algemeen voorspoedig, wat leidde tot een operationele cashflow (EBITDA) van 450,1 miljoen euro (22,8% van de omzet). Ook al ligt dit cijfer eveneens lager dan 2015 (558,4 miljoen euro, 23,8%), toch is dit duidelijk beter dan verwacht en boven de historische vork van 16% tot 20% EBITDA-marge.
Grote projecten die in 2016 werden uitgevoerd waren o.a. Jurong Island Westward Extension (JIWE) en Tuas Terminal Phase 1 in Singapore en het verbreden en verdiepen van het toegangskanaal tot de Stille Oceaan in Panama. In de tweede jaarhelft was DEME zeer actief in het Verenigd Koninkrijk met de projecten Galloper en Race Bank, net zoals in Afrika, in India en op vele plaatsen in Europa. GeoSea heeft het transport en de installatie van de funderingen van de monopiles voor de 54 windmolens van het Duitse windmolenpark Nordsee One sneller dan voorzien kunnen afwerken.
DEME kon in 2016 2.593 miljoen euro nieuwe contracten toevoegen aan haar orderboek, zowel voor de aanleg van offshore windparken (Merkur (Duitsland), Hornsea1 (VK), Horns Rev (Denemarken), Rentel (België)) als in de traditionele baggeractiviteiten (vernieuwing onderhoudscontract Belgische Kust, Port Louis Mauritius) en in de milieutak (Blue Gate saneringswerken in Antwerpen). Het orderboek groeide aan tot 3.800 miljoen euro per eind 2016 (2015: 3.185 miljoen euro). Daarbij wordt opgemerkt dat de contracten m.b.t. de projecten Hohe See fase 2 en Fehmernbelt, hoewel verworven, nog niet werden meegeteld, in afwachting van het bereiken van de zgn. 'financial close' of van het verkrijgen van de definitieve vergunningen.
Met het oog op het uitvoeren van dit omvangrijke orderboek, zette DEME haar investeringsprogramma onverminderd voort. 6 nieuwe tuigen, die een gezamenlijke investering vertegenwoordigen van 500 miljoen euro, zijn momenteel in aanbouw (het zelfvarend hefeiland Apollo, het multipurpose- en kabellegschip Living Stone en het zelfvarend DP2 kraanschip Gulliver en 3 sleephopperzuigers). Ondanks wat vertraging van de scheepswerven bij de bouw van deze schepen, zullen de meeste nog in 2017 worden opgeleverd en onmiddellijk worden ingezet. Deze vertraging heeft er wel voor gezorgd dat een aantal betalingen die waren gepland voor het jaar 2016 werden doorgeschoven naar 2017. Het totaal investeringsbedrag in 2016 blijft daardoor beperkt tot 194,7 miljoen euro, wat uiteraard een positieve impact heeft gehad op de nettoschuldpositie van DEME, die verbeterde tot 154,6 miljoen euro op jaareinde 2016 (2015: 266,7 miljoen euro).
Ook heeft DEME in 2016, via haar filiaal DEME Concessions, geïnvesteerd in een deelneming van 12,5% in de maatschappij die het Merkur offshore windpark gaat ontwikkelen (396 MW) en van 18,9% in Rentel (309 MW).
CFE (AvH 60,4%) slaagde er in 2016 in om haar resultaten (zonder de bijdrage van DEME) duidelijk te verbeteren: het verlies van 26,3 miljoen euro van 2015 werd in 2016 omgedraaid in een winst van 13,0 miljoen euro.
CFE kon zowel omzet, winst als orderboek van haar 'Contracting'-poot verbeteren.
De omzet van de bouwactiviteiten in België viel in 2016 licht lager uit in een competitieve markt. CFE was onder meer actief op de bouw van het winkelcentrum Docks in Brussel, op de ruwbouw van het hospitaal AZ Sint-Maarten in Mechelen en op verschillende 'Scholen van Morgen'. Op het merendeel van de werven kon een goed operationeel resultaat worden gerealiseerd. De Luxemburgse en Poolse ondernemingen van CFE realiseerden een hogere omzet en resultaat.
Ook in de Multitechnieken-divisie realiseerde CFE, onder impuls van de sterke ontwikkeling in binnenen buitenland van dochterbedrijf VMA, een duidelijke omzetgroei. VMA behaalde excellente resultaten. De HVAC-activiteiten hadden te kampen met enkele moeilijke werven.
De divisie 'Rail Infra & Utility Networks' verwacht omzetgroei vanaf 2017, maar bleef in 2016 ongeveer op hetzelfde niveau als in 2015.
In de nieuwe organisatiestructuur van CFE draagt de Contracting-activiteit vanaf 2016 volledig haar eigen overhead. Toch stijgt de nettowinst van Contracting tot 10,4 miljoen euro tegenover 9,7 miljoen euro in 2015. Het orderboek is licht gestegen tot 850,5 miljoen euro (2015: 836,3 miljoen euro).
De poot Vastgoedontwikkeling van CFE ging in 2016 door met de ontwikkeling van eerder opgestarte projecten, met als belangrijkste in België de projecten Oosteroever in Oostende, Ernest in Elsene en Erasmus Gardens in Anderlecht. Het Konsgebouw in Luxemburg zal uiteindelijk pas in 2017 kunnen worden overgedragen aan de koper. In Polen werd de derde fase van het project Ocean Four opgeleverd en werden projecten in Warschau en Wroclaw voortgezet. Aangezien in 2016 geen belangrijke transacties werden afgerond, blijft het resultaat van deze poot vrij beperkt.
CFE heeft in 2016 een belangrijke stap gezet in de afbouw van de activiteiten en van de verliezen van de Holding en de niet aan 'Contracting' overgedragen operaties. Als gevolg van de overdracht aan DEME van de tak 'Burgerlijke Bouw' op het einde van 2015 en van het terugdringen van de omzet in Afrika na het opleveren in 2015 van grote projecten in Tsjaad en Algerije valt de omzet in 2016 terug tot 36,3 miljoen euro, tegenover 207,2 miljoen euro in 2015.
Bij de niet-overgedragen werven, kreeg CFE ook in 2016 nog te maken met bijkomende verliezen op de werken aan het waterzuiveringsstation Brussel-Zuid en aan de stationsomgeving in Mechelen. Met betrekking tot de bouw van het nieuwe waterzuiveringsstation Brussel-Zuid kon wel een akkoord met de klant worden bereikt over de eerste 2 fases van het project. In Nigeria kon de werf van het torengebouw Eko Tower worden beëindigd en in België werden definitieve afrekeningen bereikt op meerdere werven, waaronder de scholen van Eupen en verschillende werven voor het OCMW van Brussel.
Zoals dat ook reeds in 2015 het geval was met de verkoop van de wegenbouwactiviteiten van Van Wellen, kon CFE meerwaarden realiseren op de verkoop van haar deelnemingen van 25% in Locorail, de concessie-vennootschap die instaat voor de financiering en het onderhoud van de Liefkenshoekspoortunnel in Antwerpen en van 18% in Coentunnel Company BV, die instaat voor de financiering en het onderhoud van de tweede Coentunnel in Amsterdam.
CFE zet haar inspanningen voort om samen met de overheid van Tsjaad een oplossing te vinden voor de herfinanciering van onbetaalde facturen. Hoewel vorderingen werden gemaakt, is nog geen oplossing bereikt. De netto-blootstelling van CFE op Tsjaad bedroeg op jaareinde 2016 60 miljoen euro (2015: 60 miljoen euro).
Algemene Aannemingen Van Laere (AvH 100,0%) kende een zeer druk jaar in 2016 en realiseerde een geconsolideerde omzet van 195,0 miljoen euro. Tegenvallende operationele resultaten op een grote werf zadelden Van Laere op met een verlies van 2,5 miljoen euro, tegenover een winst van 2,1 miljoen euro in 2015. Van Laere heeft dan ook beslist meer te focussen op 'operational excellence'. Het geconsolideerde orderboek eind 2016 bedroeg 127 miljoen euro (2015: 199 miljoen euro).
De Vietnamese activiteiten van Rent-A-Port (AvH 72,2%) zorgden in het tweede semester van 2016 voor een positieve bijdrage tot de resultaten dankzij de groeiende belangstelling van Japanse en Duitse bedrijven om zich te komen vestigen in de industriezone van Dinh Vu, een zone die profiteert van de bouw van de diepste haven van Noord-Vietnam. De bijdrage tot het geconsolideerd resultaat van AvH van 6,9 miljoen euro is inclusief het indirect belang dat via CFE wordt aangehouden. AvH heeft een direct belang van 45% en, via CFE, een bijkomend belang van 27,2%. In de resultaten van CFE is de bijdrage van het belang van CFE in Rent-A-Port niet geëlimineerd.
Begin juli 2016 hebben AvH en CFE hun aandeel in Rent-A-Port Energy naar 100% verhoogd door de participatie van het management van Rent-A-Port over te nemen. Gelijktijdig werd de naam gewijzigd in Green Offshore (AvH 80,2%). Green Offshore bezit deelnemingen in offshore windparken in België: Rentel (12,5% direct en indirect), Otary (12,5%) en de nog te ontwikkelen offshore windprojecten Seastar en Mermaid.
Bij Delen Investments (AvH 78,75%) bereikten de vermogens onder beheer op het einde van 2016 een recordniveau van 37.770 miljoen euro (2015: 36.885 miljoen euro).
De sterke groei van de vermogens onder beheer bij Delen Private Bank is het resultaat van een positieve impact van de waarde-ontwikkeling van de vermogens en van een goede organische nettogroei. Bij de Britse vermogensbeheerder JM Finn & Co daalden de beheerde vermogens door een beperkte netto-uitstroom, maar vooral door de koersevolutie van het Britse pond ten opzichte van de euro (-13,9%, -1.520 miljoen euro), hetgeen slechts gedeeltelijk gecompenseerd werd door de gunstige ontwikkeling van de waarde van de klantenportefeuilles, uitgedrukt in GBP. Oyens & Van Eeghen beheert 657 miljoen euro activa voor particulieren en stichtingen.
De brutobedrijfsopbrengsten van de groep Delen Investments daalden in 2016, ondanks de overname van Oyens & Van Eeghen, tot 313,1 miljoen euro als gevolg van de daling van variabele commissies in volatiele marktomstandigheden, de impact van de wisselkoers (GBP) bij de consolidatie van de opbrengsten van JM Finn & Co en de lage marktinterestvoeten. Toch ging Delen Private Bank in 2016 door met investeren in de versterking van de organisatie en verbetering van de systemen en infrastructuur. De cost-income ratio bedroeg 57,8% (Delen Private Bank 46,3%, JM Finn & Co 85,8%, Oyens & Van Eeghen 96,8%). Deze ratio is licht achteruitgegaan ten opzichte van 2015 (54,9%) gezien de gerealiseerde investeringen en hogere uitgaven niet onmiddellijk resulteren in een toename van de inkomsten.
De nettowinst daalde in 2016 tot 87,9 miljoen euro (tegenover 92,4 miljoen euro in 2015), inclusief de bijdrage van JM Finn & Co van 5,6 miljoen euro en van Oyens & Van Eeghen van 0,1 miljoen euro. Het geconsolideerd eigen vermogen van Delen Investments bedroeg 621,2 miljoen euro op 31 december 2016 (tegenover 582,6 miljoen euro eind 2015). De Core Tier1-kapitaalratio van 30,9% ligt ruim boven het sectorgemiddelde.
In 2016 heeft Bank J.Van Breda & C° (AvH 78,75%) opnieuw sterke commerciële prestaties neergezet. Het door cliënten belegd vermogen steeg in 2016 met 1,3 miljard euro (+12%) tot ruim 12,4 miljard euro, waarvan 4,2 miljard euro cliëntendeposito's (+7%) en 8,2 miljard euro toevertrouwde activa (buitenbalansbeleggingen) (+14%). Delen Private Bank beheert ruim 4,7 miljard euro voor cliënten van Bank J.Van Breda & C° en haar filiaal ABK bank. De totale kredietportefeuille bedroeg ruim 4,2 miljard euro, een stijging met 7% in vergelijking met 2015. De voorzieningen die moesten worden aangelegd voor kredietverliezen vertegenwoordigden 0,01% van de gemiddelde kredietportefeuille of 0,6 miljoen euro.
De kostenstijging met 7% werd bijna uitsluitend veroorzaakt door de toename van de bankenheffingen tot 8,2 miljoen euro (+66%). Exclusief deze bankenheffing stegen de kosten slechts met 3%, ondanks investeringen in bijkomende account managers en IT. De cost-income ratio bedroeg 59,4%, tegenover 55,6% in 2015. Bank J.Van Breda & C° behoort hiermee nog steeds tot de meest performante Belgische banken.
De nettowinst bedroeg 37,7 miljoen euro (2015: 40,5 miljoen euro), het tweede beste resultaat uit haar geschiedenis. De daling van de nettowinst met 7% is het gevolg van druk op de rentemarge en hogere bankenheffingen.
Het eigen vermogen (deel van de groep) steeg van 501,6 miljoen euro naar 518,3 miljoen euro. Dit maakt het mogelijk de commerciële groei verder te zetten zonder in te boeten op een sterke balansstructuur, de belangrijkste bescherming van de depositohouders. De solvabiliteit uitgedrukt als eigen vermogen op activa (hefboomratio) bedroeg 9,8%, een veelvoud van de 3% die de toezichthouder tegen ten vroegste 2018 wil invoeren onder Basel III. De Core Tier1-kapitaalratio bedraagt 14,8%.
Leasinvest Real Estate (LRE, AvH 30,0%) heeft in 2016 de positieve verwachtingen bevestigd en sloot haar boekjaar 2016 af met een hoger nettoresultaat (deel groep) van 31,1 miljoen euro (30,6 miljoen euro per 31.12.15).
Eind april werd een overeenkomst van vruchtgebruik voor 21 jaar afgesloten met het Europees Parlement voor het te herontwikkelen gebouw Montoyer 63 te Brussel. Op het einde van het tweede kwartaal heeft LRE de verkoop gefinaliseerd van het kantoorgebouw Royal20 in het Groothertogdom Luxemburg voor een bedrag van 62,5 miljoen euro (exclusief btw). Begin november 2016 heeft LRE haar portefeuille in retail verder gediversifieerd naar een vierde land. De groep heeft 2 Oostenrijkse vastgoedvennootschappen overgenomen, die eigenaar zijn van het retailpark Frun Park Asten. Dit retailpark van 18.300 m² heeft een jaarlijks huurinkomen van 2,3 miljoen euro, en vertegenwoordigt een globale investering van 38 miljoen euro.
Eind 2016 bedroeg de reële waarde ('fair value') van de geconsolideerde vastgoedportefeuille, inclusief de projectontwikkelingen, 859,9 miljoen euro (tegenover 869,4 miljoen euro per 31.12.15). De daling is voornamelijk het gevolg van de ver-
De huuropbrengsten stegen in 2016 met 12% tot 56,6 miljoen euro. Dit recordresultaat is het gevolg van de acquisitie van het kantoorgebouw Koninklijk Pakhuis op de Tour & Taxis-site in Brussel eind 2015. De gemiddelde looptijd van de portefeuille zakte van 4,8 jaar naar 4,4 jaar, voornamelijk als gevolg van het tijdelijk vertrek van de huurder van het Montoyer 63 kantoorgebouw tot na de renovatie. De bezettingsgraad is gestegen tot 96,77% (2015: 95,80%). Het huurrendement op de reële waarde is nagenoeg stabiel gebleven in vergelijking met vorig boekjaar (2016: 6,78%, 2015: 6,88%).
Eind 2016 bedroeg het eigen vermogen (deel groep) 356 miljoen euro (2015: 362 miljoen euro). De schuldgraad is gelijk gebleven op 58,05% (2015: 58,03%).
Het nettoresultaat van Extensa Group (AvH 100,0%) over het boekjaar 2016 - exclusief de bijdrage tot het resultaat van LRE - bedroeg 30,4 miljoen euro, tegenover 31,0 miljoen euro in 2015 (exclusief de herwaarderingsmeerwaarde van 23,5 miljoen euro op jaareinde 2015 op het verwerven van de controle van Tour & Taxis).
Op de site van Tour & Taxis verwierf Extensa in 2016 het voormalige kantoorgebouw (6.511 m² bovengronds) van de douane met de bedoeling dit in synergie met de andere historische gebouwen op de site te herbestemmen. In het derde kwartaal werd ook gestart met de renovatie van de 'Gare Maritime', waarvoor een eerste huurder (vanaf 2018) werd gecontracteerd. De residentiële ontwikkeling Gloria werd begin 2017 opgeleverd en 111 van de 115 appartementen zijn reeds verkocht. Ook aan de imposante werf van het Herman Teirlinck-gebouw vorderen de bouwwerken volgens schema. Extensa heeft eind 2016 een overeenkomst bereikt omtrent de verkoop van de projectvennootschap die dit gebouw ontwikkelt aan verzekeraar Baloise. In Luxemburg verloopt de verkoop van appartementen op Cloche d'Or eveneens erg gunstig. De bouwwerken voor het aan Deloitte Luxemburg op lange termijn voorverhuurde kantoorgebouw (30.000 m²) op deze site zijn gestart.
Anima Care (AvH 92,5%) realiseerde in 2016 een omzet van 56,4 miljoen euro. De omzetstijging met 9,4 miljoen euro t.o.v. 2015 is voornamelijk te danken aan de uitbreiding van de portefeuille. Het nieuwbouwproject Aquamarijn te Kasterlee werd eind maart 2015 in gebruik genomen en droeg in 2016 voor een vol jaar bij tot het resultaat. In het laatste trimester van 2016 rondde Anima Care de overnames af van 'Le Birmingham' (60 bedden, Sint-Jans-Molenbeek) en 'Duneroze' (160 rusthuisbedden, 40 bedden herstelverblijf, Wenduine), met evenwel nog maar een beperkte impact op het resultaat.
De 4 nieuwbouwprojecten, die in de periode 2013- 2015 in gebruik werden genomen, komen stilaan op kruissnelheid. Dit vertaalde zich in 2016 in een significante toename van de EBITDAR tot 14,0 miljoen euro (2015: 9,3 miljoen euro) en van de winst tot 3,9 miljoen euro (2015: 1,1 miljoen euro).
Het eigen vermogen van de groep is gestegen van 40,0 miljoen euro per eind 2015 tot 46,6 miljoen euro op het einde van 2016. In 2016 werd het kapitaal voor 2,5 miljoen euro bijkomend volgestort. Anima Care exploiteert per 31 december 2016 1.347 rusthuisbedden, 77 bedden herstelverblijf en 197 assistentiewoningen, verspreid over 14 zorgcentra (7 in Vlaanderen, 3 in Brussel, 4 in Wallonië).
Conform de akkoorden die daarover met Eric Duval waren gesloten, verminderde AvH haar participatie in Holding Groupe Duval van 37,8% (per einde 2015) tot 21,8% door deze om te zetten in een bijkomende deelneming van 25% in de vastgoedvennootschap Patrimoine & Santé (van 22,5% per eind 2015 tot 47,5%). Vervolgens werden de belangen van AvH, CEO Hervé Hardy en andere managementleden in Residalya en Patrimoine & Santé ingebracht in een nieuwe structuur HPA, waarvan AvH 70,9% bezit. HPA is op haar beurt eigenaar van 100% van de Franse rusthuisoperator Residalya en voor 73,7% (eind 2016) van Patrimoine & Santé dat eigenaar is van het vastgoed van het merendeel van de residenties dat door Residalya wordt geëxploiteerd. Begin 2017 werden de laatste 21,8% die AvH nog aanhield in Holding Groupe Duval omgeruild tegen aandelen Patrimoine & Santé. Deze aandelen zullen in 2017 worden ingebracht bij HPA, wiens participatie in Patrimoine & Santé daardoor zal stijgen tot 100%.
HPA (AvH 70,9%) heeft in 2016 een omzet gerealiseerd van 105,6 miljoen euro, tegenover 91,6 miljoen euro in 2015 (Residalya), een Ebitdar van 23,3 miljoen euro en een nettoresultaat van 2,9 miljoen euro. Deze omzetstijging is te danken aan een hogere bezettingsgraad (98,4%) en de uitbreiding van de portefeuille. In 2016 heeft de groep de residenties 'Ambroise Paré' (88 bedden) te Lyon en 'Demeure du Bois Ardent' (76 bedden) te Saint-Lô overgenomen. HPA heeft ook de controle over CIGMA verworven, gelegen in Laval (Mayenne). CIGMA telt naast een woonzorgcentrum met 60 bedden ook een crèche met 50 wiegen en is eigenaar van het vastgoed.
Eind 2016 telt het netwerk van HPA 2.439 bedden, verspreid over 32 residenties.
Sipef (AvH 27,8%) realiseerde een sterk jaar 2016. De palmolieproductie kende een sterke vooruitgang (+12,3%) tijdens het laatste kwartaal, waardoor de jaarvolumes met een groei van 2,3% eindigden. Deze jaargroei werd voornamelijk waargenomen in de eigen plantages (+3,2%). De totale productie voor het jaar bedroeg 297.705 ton (tegenover 290.907 ton in 2015).
De marktprijzen voor palmolie genoten van een stijgende tendens in de tweede jaarhelft, en eindigden op een hoogtepunt van 795 USD per ton in december.
Dankzij de stijging van de geproduceerde volumes en van de palmolieprijzen steeg de omzet met 18% tot 267 miljoen USD. De hogere verkoopprijzen voor palm- en palmpitolie en de lagere kostprijzen resulteerden in een nettoresultaat van 39,9 miljoen USD, tegenover 18,7 miljoen USD in 2015. De voornaamste investeringen betroffen het betalen van bijkomende landcompensaties en de aanplant van oliepalmen in het nieuwe project in Zuid-Sumatra, naast de gebruikelijke vervangingsinvesteringen en het onderhouden van de nog niet volgroeide aanplanten.
In december 2016 heeft Sipef een akkoord bereikt met haar joint venture partners PT Austindo Nusantara Jaya TBK en M.P. Evans Group Plc. over de aankoop van hun belang van respectievelijk 10,87% en 36,84% in PT Agro Muko, voor een totaal bedrag van 144,1 miljoen USD. Hierdoor breidt Sipef haar belang in Agro Muko uit tot 95% en verwerft zo de exclusieve controle over Agro Muko.
(NMP, AvH 75,0%) was in 2016 nauw betrokken bij de besprekingen omtrent de herziening van de veiligheidswetgeving in verband met het transport van gassen en andere producten per pijpleiding. In het Antwerps havengebied heeft Nitraco (joint venture tussen NMP en Praxair) in 2016 het project betreffende bijkomende uitbreidingen van het bestaande stikstofnetwerk afgewerkt en een uitbreiding van het bestaande zuurstofnetwerk naar TRA (Total Raffinaderij Antwerpen) opgestart. NMP heeft eveneens een overeenkomst afgesloten met Nippon Shokubai Europe (NSE) voor de aanleg van een nieuwe propyleenleiding tussen de site van Oiltanking Antwerp Gas Terminal en de site van NSE te Zwijndrecht voor de bevoorrading van de nieuwe fabriek.
Het resultaat over het boekjaar 2016 lag hoger dan werd verwacht en bedroeg 2,5 miljoen euro (2015: 2,1 miljoen euro).
Sagar Cements (AvH 19,9%) realiseerde in 2016 slechts een beperkte omzetstijging, van 7.524 miljoen INR in 2015 tot 7.690 miljoen INR in 2016. De aanhoudende overcapaciteit en lage vraag op de markt vertaalden zich in lagere prijzen, waardoor de sterke stijging van de verkoopvolumes niet kon vertaald worden in een evenredige omzetstijging. De toename van de verkochte volumes was mogelijk dankzij een aanhoudende stijging van de bezettingsgraad van BMM, dat in 2015 overgenomen werd. Het nettoresultaat bedroeg 2,9 miljoen euro (2015: 6,3 miljoen euro).
Sagar Cements heeft haar capaciteit in 2016 verder uitgebreid door de overname van een 181.500 ton 'grinding unit' in Andra Pradesh.
Oriental Quarries & Mines (AvH 50,0%) dat in India 3 steengroeves exploiteert kende een moeilijke tweede jaarhelft als gevolg van een slechtere bouwconjunctuur. OQM realiseerde een klein nettoverlies. AvH heeft ten laste van het resultaat 2016 een bijzondere waardevermindering geboekt op de goodwill op haar deelneming in OQM.
AvH heeft op 30 september 2016 de overname afgerond van het minderheidsbelang van 26% in Sofinim, voor een bedrag van 106 miljoen euro. Een eerste schijf van 50 miljoen euro werd reeds betaald. Het saldo zal worden voldaan in 2017 en 2018 (telkens 28 miljoen euro). Met ingang van het vierde trimester 2016, werd het deelnemingspercentage van AvH in de participaties van Sofinim bijgevolg niet meer gecorrigeerd voor het 26%-minderheidsbelang. De discount die bij deze transactie werd bekomen ten opzichte van de boekhoudkundige waarde bedraagt ongeveer 27 miljoen euro en werd rechtstreeks in het eigen vermogen verwerkt, aangezien AvH reeds de exclusieve controle over Sofinim bezat.
De resultaten van de participaties worden in detail besproken vanaf pag. 48.
Begin 2017 kon DEME dit orderboek verder aanvullen met nieuwe contracten voor 100 miljoen euro in India en in de Malediven waar landwinningswerken zullen worden uitgevoerd voor de aanleg van tien eilanden voor de ontwikkeling van toeristische infrastructuur, en voor 128 miljoen euro in Nederland voor de aanleg van de Rijnlandroute, een complex infrastructuurproject met een verkeerswisselaar en een boortunnel. Inmiddels werd ook de 'financial close' van het Hohe See-project bereikt in februari, waardoor dit project in 2017 in het orderboek zal worden opgenomen.
In februari 2017 heeft DEME een bijkomende bestelling van 2 nieuwe schepen aangekondigd, met een totale waarde van 500 miljoen euro: Spartacus, de krachtigste en meest vooruitstrevende snijkopzuiger (44.180 kW) ter wereld voor baggerwerken in de hardste rots- en grondsoorten ook in offshore omstandigheden, en Orion, een offshore kraanschip (44.180 kW) met dynamische positionering en een hijsvermogen van 3.000 ton op meer dan 50 m voor constructiewerken in volle zee zoals offshore windparken, diensten voor offshore olieen gasklanten en de afbraak van oude structuren in zee.
In januari 2017 heeft AvH haar participatie in Sipef verhoogd tot 28,7%.
Op 21 februari 2017 heeft Sipef aangekondigd dat de opschortende voorwaarden verbonden met de Agro Muko transactie vervuld waren en dat een akkoord werd bereikt over de mogelijke overname van 95% van de aandelen van PT Dendy Marker Indah Lestari in Zuid-Sumatra voor een bedrag van 53,1 miljoen USD. Dendy Marker is eigenaar van 6.562 voorbereide/geplante hectaren oliepalmen met een potentieel om uit te breiden naar 9.000 ha en heeft een palmolie-extractiefabriek met een capaciteit van 25 ton/uur. De operaties van Dendy Marker zijn RSPO gecertificeerd. Deze transacties zullen worden gefinancierd door een combinatie van een kapitaalverhoging van maximaal 97,2 miljoen USD met behoud van voorkeurrecht voor de bestaande aandeelhouders en een langetermijnfinanciering. In de loop van de maand april zal een buitengewone algemene vergadering van Sipef zich uitspreken over deze kapitaalverhoging, die door AvH zal worden gesteund.
Op het vlak van onderzoek en ontwikkeling bij de integraal geconsolideerde participaties van AvH, ontwikkelen bij DEME de teams van R&D en van het Central Competence Center baanbrekende, innovatieve technologieën en zijn bij CFE en Van Laere de studie-afdelingen betrokken bij de projecten in burgerlijke bouwkunde en gebouwen. Via een participatie in Verdant Bio Science is Sipef betrokken bij de ontwikkeling van hoogrenderende oliepalmen.
Binnen de groep (o.a. Bank J.Van Breda & C°, Leasinvest Real Estate, DEME, Extensa) wordt gestreefd naar een voorzichtig beleid inzake renterisico's door gebruik te maken van renteswaps en opties. Een groot aantal deelnemingen van de groep is actief buiten de eurozone (o.a. DEME, Delen Investments, Sipef, Manuchar, Telemond Groep, Turbo's Hoet Groep). De indekking van het renteen wisselkoersrisico wordt telkens op het niveau van de deelneming zelf opgevolgd en aangestuurd.
De raad van bestuur is van mening dat de deelnemingen van de groep goed gepositioneerd zijn: DEME heeft een historisch hoog orderboek en maakt zich op voor een belangrijke stijging van haar activiteit in 2017 en 2018; Delen Investments en Bank J.Van Breda & Co zouden in 2017 de vruchten moeten kunnen plukken van de goede commerciële prestaties in 2016; van de vastgoedpromoties van Extensa en de dochters in vastgoed en ouderenzorg wordt opnieuw een sterke bijdrage verwacht; Sipef is het jaar 2017 begonnen met betere marktprijzen voor palmolie en heeft belangrijke akkoorden bereikt om haar plantage-areaal substantieel uit te breiden. AvH & Growth Capital zou haar resultaatsbijdrage moeten verbeteren t.o.v. 2016.
Behoudens onvoorziene omstandigheden zou dat de basis moeten vormen voor een verbetering van het groepsresultaat in 2017.
Ackermans & van Haaren hanteert als referentiecode de Belgische Corporate Governance Code (de 'Code'), zoals bekendgemaakt op 12 maart 2009. De Code kan geraadpleegd worden op de website van de Commissie Corporate Governance (www. corporategovernancecommittee.be).
Op 14 april 2005 heeft de raad van bestuur van Ackermans & van Haaren het eerste Corporate Governance Charter ('Charter') goedgekeurd. De raad van bestuur heeft dit Charter nadien verschillende malen aangepast.
Op 15 januari 2008 heeft de raad van bestuur artikel 3.2.2 (b) van het Charter aangepast ter verduidelijking van de procedure inzake onderzoek naar onregelmatigheden.
Op 12 januari 2010 werd het Charter aangepast aan de nieuwe Code en aan de nieuwe onafhankelijkheidscriteria van artikel 526ter W.Venn.
• Op 24 februari 2017 tot slot, werd het Charter in overeenstemming gebracht met de wet van 7 december 2016 tot organisatie van het beroep van en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren.
Het Charter kan in drie talen (Nederlands, Frans en Engels) worden geraadpleegd op de website van de vennootschap (www.avh.be).
Dit hoofdstuk (de 'Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur') bevat de informatie zoals bedoeld in de artikelen 96, §2 en 119, tweede lid, 7° W.Venn. In dit hoofdstuk wordt voorts, overeenkomstig de voorschriften van de Code, bijzondere aandacht besteed aan feitelijke informatie omtrent deugdelijk bestuur en wordt uitleg gegeven over de afwijkingen tijdens het afgelopen boekjaar op bepaalde bepalingen van de Code overeenkomstig het 'pas toe of leg uit'- principe.
Raad van bestuur - van links naar rechts: boven: Frederic van Haaren, Thierry van Baren, Marion Debruyne, Pierre Macharis, Julien Pestiaux onder: Alexia Bertrand, Jacques Delen, Luc Bertrand, Valérie Jurgens, Pierre Willaert
| Luc Bertrand (°1951, Belg) | |
|---|---|
| Voorzitter van de raad van bestuur (sinds 23 mei 2016) | |
| Niet-uitvoerend bestuurder (sinds 1985) | Einde mandaat 2017 |
auditcomité remuneratiecomité benoemingscomité
| Jacques Delen (°1949, Belg) | |
|---|---|
| Voorzitter van de raad van bestuur (tot 23 mei 2016) | |
| Niet-uitvoerend bestuurder (sinds 1992) | Einde mandaat 2020 |
| Alexia Bertrand (°1979, Belgische) | |
|---|---|
| Niet-uitvoerend bestuurder (sinds 2013) | Einde mandaat 2017 |
vast vertegenwoordigd door Marion Debruyne (°1972, Belgische) Onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder (sinds 2016) Einde mandaat 2020
Onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder (sinds 2016) Einde mandaat 2020
• Ph.D. en onderzoeksassistente verbonden aan de School of Oriental and African Studies van de Universiteit van Londen (2010).
• Zetelt in adviesorganen van enkele instellingen die zich toeleggen op de verbetering van het lot van mens en milieu in het Verenigd Koninkrijk en in de Caraïben.
Niet-uitvoerend bestuurder (sinds 2004) Voorzitter van het remuneratiecomité (sinds 2011) Einde mandaat 2020
Onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder (sinds 2011) Einde mandaat 2019
• Licentiaat en geaggregeerde in de filosofie; MBA, specialisatie marketing (Solvay Business School).
• Zelfstandig consultant.
• Was 13 jaar actief als marketing consultant bij o.m. TBWA Belgium, BDDP Belgium, Ammirati Puris Lintas en Ogilvy Brussels.
| Frederic van Haaren (°1960, Belg) | |
|---|---|
| Niet-uitvoerend bestuurder (sinds 1993) | Einde mandaat 2017 |
Pierre Willaert (°1959, Belg) Niet-uitvoerend bestuurder (sinds 1998) Voorzitter van het auditcomité (sinds 2004) Einde mandaat 2020
De mandaten van Alexia Bertrand, Luc Bertrand en Frederic van Haaren verstrijken op de gewone algemene vergadering van 22 mei 2017. De raad van bestuur zal aan de gewone algemene vergadering voorstellen om hun mandaten te hernieuwen voor een periode van 4 jaar.
Marion Debruyne, Valérie Jurgens, Julien Pestiaux en Thierry van Baren beantwoorden aan de onafhankelijkheidscriteria van artikel 526ter W.Venn.
Luc Bertrand, Jacques Delen en Frederic van Haaren zijn bestuurders van Scaldis Invest, die met een participatie van 33% de voornaamste aandeelhouder is van Ackermans & van Haaren. Luc Bertrand en Frederic van Haaren zijn tevens bestuurder van Belfimas, die met een participatie van 91,35% Scaldis Invest controleert. Scaldis Invest en Belfimas zijn holdingvennootschappen die uitsluitend (rechtstreeks en onrechtstreeks) beleggen in aandelen Ackermans & van Haaren.
De raad van bestuur heeft in 2016 o.m. het budget voor het lopende boekjaar besproken en op geregelde tijdstippen geactualiseerd, de resultaten en activiteiten van de deelnemingen van de groep opgevolgd op basis van de rapportering verzorgd door het executief comité, de buitenbalansverplichtingen doorgenomen en de aanbevelingen van de adviserende comités besproken.
Verschillende (des)investeringsdossiers werden in de loop van 2016 besproken, zoals de expansie van Leasinvest Real Estate in Oostenrijk, de investeringen door DEME en GeoSea in, respectievelijk, een nieuwe cutterzuiger (Spartacus) en een zelfvarend hefeiland (Orion), de investering in OncoDNA, de deelname aan de financiering van Rentel (309 MW offshore windmolenpark) via Green Offshore, het Fehmernbelt-project van DEME en CFE, de verhoging van het belang van Sipef in Agro Muko en de overname van NPM Capital's belang van 26% in Sofinim.
De raad van bestuur heeft één vergadering grotendeels gewijd aan de strategie van de groep en tevens de historische resultaten van AvH vergeleken met deze van enkele vergelijkbare Europese groepen.
De raad van bestuur heeft tevens de voorstellen tot aanpassing van de aandeelhoudersovereenkomsten met de families Delen (m.b.t. beide banken) en Bracht (m.b.t. Sipef) besproken.
De raad van bestuur heeft voorts in 2016 het management van DEME, Extensa Group en Leasinvest Real Estate uitgenodigd voor een presentatie over de algemene stand van zaken van de betrokken onderneming en/of toelichting bij een concrete investering.
De raad van bestuur heeft tot slot Jan Suykens, met ingang van 23 mei 2016, benoemd tot voorzitter van het executief comité in opvolging van Luc Bertrand.
Op periodieke basis worden evaluatieprocedures georganiseerd in de schoot van de raad van bestuur overeenkomstig artikel 2.7 van het Charter. Deze geschieden op initiatief en onder leiding van de voorzitter.
De jaarlijkse evaluatie door de niet-uitvoerende bestuurders van de relatie tussen de raad van bestuur en het executief comité vond plaats op 21 maart 2016, in afwezigheid van de uitvoerende bestuurder. De niet-uitvoerende bestuurders hebben bij deze gelegenheid hun algemene tevredenheid uitgedrukt over de goede samenwerking tussen beide organen en hebben in dat verband enkele suggesties overgemaakt aan de uitvoerende bestuurder.
Alexia Bertrand heeft niet kunnen deelnemen aan de vergadering van de raad van bestuur van 21 maart 2016.
Voor de volledigheid weze vermeld dat de leden van het executief comité de vergaderingen van de raad van bestuur bijwonen.
De raad van bestuur heeft zijn beleid inzake verrichtingen tussen Ackermans & van Haaren of een met haar verbonden vennootschap enerzijds, en leden van de raad van bestuur of van het executief comité (of hun naaste familieleden) anderzijds, die aanleiding kunnen geven tot belangenconflicten (al dan niet in de zin van het W.Venn.) bekendgemaakt in het Charter (artikelen 2.9 en 4.7). In 2016 dienden geen beslissingen te worden genomen die aanleiding gaven tot toepassing van dit beleid, uitgezonderd de bespreking van de aanpassing van de aandeelhoudersovereenkomst tussen Ackermans & van Haaren en de familie Delen (supra, I,7.1).
De raad van bestuur heeft zijn beleid inzake de voorkoming van marktmisbruik bekendgemaakt in het Charter (afdeling 5). Op vergadering van 10 oktober 2016 werd het Charter aangepast om dit in overeenstemming te brengen met de verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik en houdende intrekking van de Richtlijn 2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijnen 2003/124/EG, 2003/125/EG en 2004/72/EG van de Commissie.
| Voorzitter | Pierre Willaert |
|---|---|
| Niet-uitvoerend bestuurder | |
| Julien Pestiaux | |
| Onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder |
|
| Thierry van Baren | |
| Onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder |
Alle leden van het auditcomité beschikken over de nodige deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit:
University (Verenigde Staten). De nadruk van de Master in engineering management lag op financiële en economische analyses. Een belangrijk deel van de cursussen werd dan ook gegeven aan de 'Johnson Graduate School of Management' van Cornell. Julien Pestiaux is partner bij Climact, een bureau dat advies verleent rond energie- en klimaatthema's met talrijke klanten uit de bedrijfswereld. Voordien was hij 5 jaar actief als consultant en projectleider bij McKinsey & C° waar hij vertrouwd geraakt is met de verschillende aspecten van boekhouding. Julien Pestiaux werd in 2011 benoemd tot bestuurder van Ackermans & van Haaren.
• Thierry van Baren (°1967) is licentiaat en geaggregeerde in de filosofie en behaalde een MBA aan de Solvay Business School. In het kader van deze opleiding specialiseerde hij zich o.m. in 'Finance', 'Financial Accounting' en 'Managerial Accounting'. Thierry van Baren is thans zelfstandig consultant en is ook in die hoedanigheid vertrouwd met verschillende aspecten van boekhouding. Thierry van Baren werd in 2006 benoemd tot bestuurder van Ackermans & van Haaren.
Op het auditcomité van 15 januari 2016 kwam de jaarlijkse rapportering inzake interne controle en risicobeheer, met o.m. het extern IT-auditrapport, aan bod. Op deze vergadering heeft het comité tevens beraadslaagd over het voorstel tot hernieuwing van het mandaat van de commissaris.
Op 22 februari en 24 augustus 2016 heeft het auditcomité zich, in aanwezigheid van de financiële directie en de commissaris, hoofdzakelijk gebogen over zowel het rapporteringsproces als de analyse van, respectievelijk, de jaarlijkse en halfjaarlijkse financiële rapportering. De leden van het auditcomité ontvingen voorafgaandelijk de beschikbare verslagen van de auditcomités van de operationele dochtervennootschappen van Ackermans & van Haaren.
Het auditcomité van 16 maart 2016 was gewijd aan de financiële verslaggeving, zoals opgenomen in het jaarverslag over het boekjaar 2015, de toetsing van de 'één-op-één'-regel m.b.t. de niet-auditdiensten geleverd door Ernst & Young en een analyse van de buitenbalansverplichtingen.
Op 21 november 2016 heeft het auditcomité beraadslaagd over de interne audit en controle op het vlak van HR en ICT, de buitenbalansverplichtingen, BEPS (base erosion and profit shifting) en de verslagen van enkele operationele dochtervennootschappen.
Het auditcomité bracht stelselmatig en uitgebreid verslag uit over de uitoefening van zijn taken aan de raad van bestuur.
| Voorzitter | Pierre Macharis |
|---|---|
| Onafhankelijk (tot de jaarvergadering van 23 mei 2016), niet-uitvoerend bestuurder |
|
| Thierry van Baren | |
| Onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder |
|
| Frederic van Haaren (tot 13 juni 2016) |
|
| Niet-uitvoerend bestuurder | |
| Julien Pestiaux (sinds 13 juni 2016) |
|
| Onafhankelijk, niet-uitvoerend bestuurder |
Vermits het onafhankelijk karakter van het bestuursmandaat van Pierre Macharis verstreek op de jaarvergadering van 23 mei 2016, was het remuneratiecomité niet meer samengesteld uit een meerderheid van onafhankelijke bestuurders, zoals vereist door artikel 526quater, §2, tweede lid W.Venn.
De raad van bestuur heeft op 13 juni 2016 met eenparigheid van stemmen beslist om Julien Pestiaux te benoemen tot lid van het remuneratiecomité ter vervanging van Frederic van Haaren en heeft Frederic van Haaren bedankt voor zijn jarenlange professionele en constructieve houding als lid van het remuneratiecomité.
Het remuneratiecomité heeft op zijn vergadering van 21 maart 2016 het ontwerp van remuneratieverslag, dat overeenkomstig artikel 96, §3 W.Venn. een specifiek onderdeel vormt van de Verklaring inzake deugdelijk bestuur, besproken en heeft erop toegezien dat het ontwerpverslag alle wettelijke gegevens bevat. Het comité heeft tevens de betaling van de variabele vergoeding aan de leden van het executief comité getoetst aan de aanbevelingen die het daaromtrent had gemaakt op zijn vergadering van 17 november 2015.
Op de vergadering van 18 november 2016 heeft het comité de hierna volgende onderwerpen besproken en terzake aanbevelingen gericht aan de raad van bestuur: de vaste en variabele vergoeding van de leden van het executief comité voor 2017, de vergoeding van de bestuurders en het aan de leden van het executief comité toe te kennen aantal aandelenopties. Het comité heeft o.m. aanbevolen om de zitpenning voor de bestuurders, voor deelname aan de vergaderingen van de raad van bestuur, het audit- en remuneratiecomité, te handhaven op 2.500 euro voor het boekjaar 2016.
De raad van bestuur heeft op 18 januari en 23 februari 2016 beraadslaagd als benoemingscomité over de toekomstige samenstelling van de raad van bestuur, de opvolging van de CEO en de opvolging van de voorzitter van de raad van bestuur en heeft, overeenkomstig de procedure van artikel 2.2.2 van het Charter, beslist aan de gewone algemene vergadering van 23 mei 2016 voor te stellen om Marion Debruyne en Valérie Jurgens te benoemen tot onafhankelijk bestuurder en Jacques Delen, Pierre Macharis en Pierre Willaert te herbenoemen.
De voorzitter van de raad van bestuur woont de vergaderingen van het executief comité bij als waarnemer.
Voorzitter van het executief comité (tot 23 mei 2016)
• Handelsingenieur (KU Leuven - 1974).
• Hij startte zijn loopbaan als Vice-President en Regional Sales Manager, Northern Europe (Bankers Trust).
Sinds 1986 bij Ackermans & van Haaren
Jan Suykens (°1960, Belg) Voorzitter van het executief comité (sinds 23 mei 2016)
Sinds 1990 bij Ackermans & van Haaren
CFO en lid van het executief comité
Sinds 1999 bij Ackermans & van Haaren
John-Eric Bertrand (°1977, Belg) Lid van het executief comité
Sinds 2008 bij Ackermans & van Haaren
Piet Bevernage (°1968, Belg) Secretaris-generaal en lid van het executief comité
Sinds 1995 bij Ackermans & van Haaren
André-Xavier Cooreman (°1964, Belg) Lid van het executief comité
Sinds 1995 bij Ackermans & van Haaren
Koen Janssen (°1970, Belg) Lid van het executief comité
• Burgerlijk ingenieur electromechanica (KU Leuven - 1993); MBA (IEFSI, Frankrijk - 1994).
• Hij werkte voor Recticel, ING Investment Banking en ING Private Equity.
Sinds 2001 bij Ackermans & van Haaren
Executief comité - van links naar rechts: Piet Bevernage, Jan Suykens, Piet Dejonghe, André-Xavier Cooreman, Koen Janssen, Tom Bamelis, John-Eric Bertrand
Het executief comité is o.m. verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur van Ackermans & van Haaren en bereidt de beslissingen voor die door de raad van bestuur moeten worden genomen.
Tijdens het voorbije boekjaar heeft het executief comité de deelname aan de raden van bestuur van de dochtervennootschappen voorbereid en opgevolgd, nieuwe investeringsvoorstellen bestudeerd (zowel bij de huidige deelnemingen als daarbuiten), bepaalde desinvesteringen goedgekeurd, de trimestriële, halfjaarlijkse en jaarlijkse financiële verslaggeving voorbereid en de impact van voor de vennootschap relevante wetswijzigingen bestudeerd.
De commissaris van de vennootschap is Ernst & Young Bedrijfsrevisoren BCVBA, vertegenwoordigd door Patrick Rottiers en Wim Van Gasse. De commissaris verzorgt de externe audit (zowel op de geconsolideerde als op de enkelvoudige cijfers) van Ackermans & van Haaren en rapporteert tweemaal per jaar aan de raad van bestuur. De commissaris werd benoemd op de gewone algemene vergadering van 23 mei 2016 voor een termijn van drie jaar, die verstrijkt op de gewone algemene vergadering van 27 mei 2019.
In 2016 werd aan de commissaris een jaarlijkse vergoeding betaald voor de controle van de enkelvoudige en de geconsolideerde jaarrekeningen van Ackermans & van Haaren van 55.000 euro (excl. btw). Daarnaast werd een bijkomende vergoeding betaald van 6.050 euro (excl. btw) aan Ernst & Young Tax Consultants voor fiscale adviezen en 1.250 euro (excl. btw) aan Ernst & Young Bedrijfsrevisoren voor diverse werkzaamheden.
De totale vergoeding voor auditwerkzaamheden die in het afgelopen boekjaar werd betaald aan Ernst & Young door Ackermans & van Haaren en haar geconsolideerde dochtervennootschappen (inclusief de hierboven reeds vermelde 55.000 euro) bedroeg 1.174.543 euro.
De interne audit wordt uitgeoefend door de group controllers, Hilde Delabie en Bart De Leeuw, die rapporteren aan het executief comité. Minstens één keer per jaar brengen de group controllers rechtstreeks verslag uit aan het auditcomité.
7.3 Belangrijkste kenmerken van de interne controle en beheerssystemen i.v.m. het proces van financiële verslaggeving en opstelling van de geconsolideerde jaarrekening
De raad van bestuur van Ackermans & van Haaren is verantwoordelijk voor de evaluatie van de doeltreffendheid van de systemen van interne controle en risicobeheer. Via het bestaande systeem beoogt de raad van bestuur op het niveau van de groep te waken over het behalen van de groepsdoelstellingen en op het niveau van de dochtervennootschappen erop toe te zien dat er passende systemen werden ingevoerd die rekening houden met de aard van de betrokken vennootschap (omvang, type activiteiten, ...) en diens verhouding met Ackermans & van Haaren (controlebelang, aandeelhoudersovereenkomst, ...). Gelet op de gediversifieerde portefeuille enerzijds en het beperkte personeelsbestand van de holding anderzijds werd geopteerd voor een aangepast model van interne controle dat echter alle essentiële onderdelen bevat van een klassiek systeem. Het systeem van interne controle en risicobeheersing wordt gekenmerkt door een transparante en collegiale structuur. Het executief comité beraadslaagt en beslist op consensuele wijze. Risico's worden daarbij op een voortschrijdende wijze geïdentificeerd en op een adequate wijze geanalyseerd. Gepaste maatregelen worden hierop voorgesteld om de geïdentificeerde risico's ofwel te aanvaarden, te beperken, over te dragen of te vermijden. Deze evaluaties en beslissingen worden duidelijk genotuleerd en gedocumenteerd zodat een strikte opvolging mogelijk is.
De raad van bestuur is voorts van oordeel dat het tijdig verstrekken van volledige, betrouwbare en relevante financiële informatie, in overeenstemming met IFRS en met de andere Belgische verslaggevingsvereisten, aan alle interne en externe belanghebbenden een essentieel onderdeel vormt van zijn beleid van deugdelijk bestuur. De interne controle en beheerssystemen inzake financiële verslaggeving pogen maximaal te voldoen aan deze vereisten.
De controleomgeving vormt het kader waarin interne controle en risicobeheerssystemen worden opgezet. Het bestaat uit de volgende elementen:
De familiale waarden die aan de basis liggen van het succes van de groep vertalen zich vandaag in een respectvolle relatie tussen de verschillende belanghebbenden: de aandeelhouders, het management, de raad van bestuur en het personeel, maar ook de commerciële partners. Deze waarden worden dagelijks uitgedragen door het management, maar worden tevens expliciet opgenomen in de 'Interne bedrijfsrichtlijnen' zodat deze voor iedereen duidelijk zijn.
Een andere hoeksteen van het beleid bij Ackermans & van Haaren is het samenwerken in een professioneel team. Er wordt bijzondere aandacht besteed aan een evenwichtige en kwaliteitsvolle invulling van de verschillende functies binnen de organisatie. Daarnaast gaat ook de nodige aandacht naar opleidingen om ervoor te zorgen dat kennis steeds verder wordt aangescherpt. Kwaliteitsvolle mensen met de juiste ervaring en ingesteldheid in de juiste functie vormen de basis van het systeem van interne controle en risicobeheersing van de groep. Dit geldt evenzeer op het niveau van de raad van bestuur en het auditcomité waar ernaar gestreefd wordt dat de achtergrond en ervaring van de leden complementair is.
De werking en de verantwoordelijkheden van de raad van bestuur en bij uitbreiding diens adviserende comités, waaronder het auditcomité, worden duidelijk omschreven in het Charter. Zo wordt beschreven dat het auditcomité controle uitoefent op de financiële verslaggeving van de groep, het systeem van interne controle en risicobeheer, de werking van de interne audit en de externe audit.
Zoals reeds aangegeven, heeft Ackermans & van Haaren op groepsniveau een zeer transparante organisatiestructuur waarbij beslissingen collegiaal worden genomen door het executief comité. De organisatiestructuur en bevoegdheden worden duidelijk omschreven in de 'Interne bedrijfsrichtlijnen'.
De risico's op vlak van financiële verslaggeving werden geïdentificeerd en zijn op te delen in een aantal categorieën.
Risico's op niveau van de dochtervennootschappen: deze zijn typisch zeer divers en worden opgevangen door deelname door de 'investment managers' van Ackermans & van Haaren aan de vergaderingen van de raden van bestuur en adviserende comités van de dochtervennootschappen, duidelijke rapporteringsinstructies aan de dochtervennootschappen met deadlines en uniforme opmaak en waarderingsregels en een externe audit op de halfjaar- en de jaarcijfers die ook rekening houdt met elementen van interne controle en risicobeheer op niveau van de betrokken vennootschap.
Risico's op vlak van informatievoorziening: deze worden ondervangen door een periodieke IT-audit, een proactieve aanpak door implementatie van updates, back-upvoorzieningen en tijdige testen van de IT-infrastructuur. Ook werden 'business continuity' en 'disaster recovery' plannen voorzien.
Risico's op vlak van wijzigende regelgeving: deze worden ondervangen door een strikte opvolging van het wetgevend kader inzake financiële rapportering alsook een proactieve dialoog met de commissaris.
Tenslotte is er nog het integriteitsrisico dat wordt opgevangen door een maximale integratie van boekhouding en rapporteringssoftware, een uitgebreide interne rapportering op verschillende niveaus en een proactieve evaluatie van complexe en belangrijke transacties.
Zoals hierboven bij de bespreking van de risico's reeds werd aangegeven, worden op het vlak van de financiële verslaggeving verschillende controles ingebouwd om maximaal te kunnen voldoen aan de gestelde doelen inzake deze verslaggeving.
Vooreerst worden een aantal basiscontroles zoals functiescheiding en bevoegdheidsdelegatie voorzien in de administratieve cycli op groepsniveau: aankoop, payroll en (des)investeringen. Dit laat toe dat enkel geoorloofde transacties worden verwerkt. Door de integratie van boekhouding en rapporteringssoftware op groepsniveau worden een aantal integriteitsrisico's afgedekt. Tevens zorgt een stabiele IT-infrastructuur met de nodige back-upsystemen voor een gepaste informatievoorziening.
Duidelijke rapporteringsinstructies met tijdige communicatie van deadlines, gestandaardiseerde rapporteringsformaten en uniforme waarderingsregels moeten een aantal kwaliteitsrisico's opvangen op het niveau van de rapporteringen vanwege de dochtervennootschappen.
Daarnaast bestaat ook een cyclus van externe audit op zowel de geconsolideerde groepsrapportering als op de rapportering van de dochtervennootschappen. Deze externe controle heeft tevens tot doel een evaluatie te maken van de doeltreffendheid van de systemen van interne controle en risicobeheersing op het niveau van de dochterondernemingen en hierover te rapporteren aan de commissaris van Ackermans & van Haaren.
Tenslotte bestaat er een systeem van intern nazicht van de financiële rapportering door de verschillende beleids- en bestuursniveaus. Dit nazicht wordt afgerond voorafgaand aan de externe verslaggeving.
Wijzigingen in het wetgevend kader inzake financiële verslaggeving worden van nabij opgevolgd en de impact op de groepsrapportering wordt proactief besproken met de financiële directie en de externe auditor.
In het Charter wordt bepaald dat elke medewerker van Ackermans & van Haaren zich rechtstreeks kan richten tot de voorzitter van de raad van bestuur en/of de voorzitter van het auditcomité om hen in te lichten over mogelijke onregelmatigheden inzake financiële verslaggeving of andere aangelegenheden.
Op jaarlijkse basis wordt het systeem van interne controle en risicobeheer door één van de group controllers getest op doeltreffendheid en naleving. Hierover wordt verslag uitgebracht aan het auditcomité.
Scaldis Invest bezit 11.054.000 aandelen in het kapitaal van Ackermans & van Haaren, d.i. een deelneming van 33%. Scaldis Invest wordt op haar beurt gecontroleerd door Belfimas, die een deelneming bezit in het kapitaal van Scaldis Invest van 91,35%. De uiteindelijke controle over Scaldis Invest wordt uitgeoefend door Stichting Administratiekantoor 'Het Torentje'.
Ackermans & van Haaren bezit per 31 december 2016 302.978 eigen aandelen. Deze aandelen werden o.m. verworven met het oog op de indekking van het aandelenoptieplan. Haar rechtstreekse dochtervennootschap Brinvest NV (99,9%) bezit daarnaast 51.300 aandelen Ackermans & van Haaren.
De aandeelhoudersstructuur, zoals gekend op 31 december 2016, kan als volgt worden voorgesteld:
Belfimas is (onrechtstreeks) de referentieaandeelhouder van Ackermans & van Haaren. Het enige doel van Belfimas is te beleggen, rechtstreeks of onrechtstreeks, in aandelen Ackermans & van Haaren. Elke overdracht van effecten uitgegeven door Belfimas, is onderworpen aan een statutair goedkeuringsrecht van de raad van bestuur van Belfimas. Twee bestuurders van Ackermans & van Haaren, met name Luc Bertrand en Frederic van Haaren, maken deel uit van de raad van bestuur van Belfimas. De raad van bestuur heeft geen kennis van overeenkomsten tussen aandeelhouders van Ackermans & van Haaren.
Het Charter van Ackermans & van Haaren wijkt slechts op één punt af van de bepalingen van de Code:
• Samenstelling benoemingscomité
Overeenkomstig bepaling 5.3./1 van Bijlage D van de Code dient het benoemingscomité te bestaan uit een meerderheid van onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders. Het benoemingscomité van Ackermans & van Haaren bestaat uit alle leden van de raad van bestuur. De raad van bestuur is van oordeel dat hij als geheel beter in staat is zijn omvang, samenstelling en opvolgingsplanning te evalueren.
In 2016 heeft de vennootschap de volgende procedure gevolgd ter ontwikkeling van haar remuneratiebeleid en tot vaststelling van het remuneratieniveau van de niet-uitvoerende bestuurders en de leden van het executief comité.
Het remuneratiecomité heeft op zijn vergadering van 21 maart 2016 het ontwerp van remuneratieverslag, dat overeenkomstig artikel 96, §3 W.Venn. een specifiek onderdeel vormt van de Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur, besproken en heeft erop toegezien dat het ontwerpverslag alle wettelijke gegevens bevat.
Het comité heeft tevens de betaling van de variabele vergoeding aan de leden van het executief comité getoetst aan de aanbevelingen die het daaromtrent had gemaakt op zijn vergadering van 17 november 2015. Er weze aan herinnerd dat de buitengewone algemene vergadering op 25 november 2011, de raad van bestuur heeft gemachtigd om, in afwijking van artikel 520ter, tweede lid W.Venn., de volledige variabele vergoeding van de leden van het executief comité te verbinden aan vooraf vastgelegde en objectief meetbare prestatiecriteria over een periode van één jaar.
Het comité heeft tot slot voorgesteld om de vaste vergoeding van de bestuurders (incl. zitpenningen) voor het boekjaar 2016 te handhaven op hetzelfde niveau als 2015.
De vergoeding van de leden van het executief comité bestaat uit vijf componenten (infra, 2.1). Deze componenten worden jaarlijks, doorgaans op een vergadering in november, geëvalueerd door het remuneratiecomité en getoetst op hun marktconformiteit. Deze toetsing geschiedt aan de hand van publieke gegevens (vb. de remuneratiegegevens opgenomen in de jaarverslagen van andere vergelijkbare genoteerde vennootschappen) en/ of salarisstudies. De door het remuneratiecomité voorgestelde aanpassingen worden vervolgens ter goedkeuring voorgelegd aan de raad van bestuur.
De vergoeding van de niet-uitvoerende bestuurders bestaat uitsluitend uit een vaste vergoeding. Deze vaste vergoeding bestaat uit een basisvergoeding, een aanvullende vergoeding in functie van het lidmaatschap van de betrokken bestuurder van een bepaald comité en een zitpenning per deelname aan een vergadering van de raad van bestuur, van het audit- of remuneratiecomité. De vergoeding van de niet-uitvoerende bestuurders wordt periodiek getoetst door het remuneratiecomité.
De door het remuneratiecomité voorgestelde aanpassingen worden ter goedkeuring voorgelegd aan de algemene vergadering.
De vergoeding van de leden van het executief comité bestaat uit vijf componenten: (i) een vaste vergoeding, (ii) een variabele vergoeding, m.n. een cashbonus gerelateerd aan het geconsolideerd nettoresultaat, (iii) aandelenopties, (iv) een groepsverzekering type 'vaste bijdrage' (aanvullend pensioen, kapitaal bij overlijden, invaliditeitsuitkering en wezenpensioen) en een hospitalisatieverzekering, en (v) een bedrijfswagen en smartphone.
De vennootschap streeft naar een gezonde mix tussen een marktconforme vaste vergoeding enerzijds en een combinatie van korte termijn incentives (zoals de jaarlijkse cashbonus) en lange termijn incentives (aandelenopties) anderzijds.
De vaste vergoeding van de leden van het executief comité (wedde, groeps- en hospitalisatieverzekering, bedrijfswagen) evolueert in functie van hun verantwoordelijkheden, ervaring en van marktontwikkelingen.
De bonus die wordt toegekend aan de leden van het executief comité is afhankelijk van vooraf vastgelegde en objectief meetbare prestatiecriteria gemeten over een periode van één boekjaar en is met name afhankelijk van het geconsolideerd nettoresultaat. Er is geen lange termijn cashincentiveplan. De bonus wordt betaald in geld, na goedkeuring door de raad van bestuur van het geconsolideerd nettoresultaat over het voorgaande boekjaar.
De toekenning van aandelenopties is niet gebonden aan vooraf vastgelegde en objectief meetbare prestatiecriteria. De raad van bestuur beslist over de toekenning van aandelenopties aan de leden van het executief comité, op aanbeveling van het remuneratiecomité. De toekenning geschiedt in het kader van een aandelenoptieplan dat in 1999 werd goedgekeurd door de raad van bestuur en op basis waarvan ook andere personen dan de leden van het executief comité worden geïncentiveerd. Overeenkomstig de toepasselijke fiscale wetgeving worden de leden van het executief comité belast bij toekenning van de aandelenopties. De uiteindelijke waarde van deze component van de vergoeding is afhankelijk van de koersontwikkeling van het aandeel.
Het relatieve aandeel van elke component in de totale vergoeding van de leden van het executief comité, was in 2016 als volgt:
| Vaste vergoeding | 43,95% |
|---|---|
| Bonus | 39,46% |
| Aandelenopties | 7,15% |
| Groeps- en hospitalisatie verzekering |
8,75% |
| Bedrijfswagen en smartphone |
0,69% |
De aandelenopties, die in het kader van het aandelenoptieplan van Ackermans & van Haaren, worden toegekend hebben volgende kenmerken:
Het remuneratiebeleid onderging in 2016, in vergelijking met 2015, geen belangrijke wijzigingen, met uitzondering van het feit dat Jan Suykens op 23 mei 2016 Luc Bertrand is opgevolgd als voorzitter van het executief comité. Deze functiewijziging en evolutie in verantwoordelijkheden had een impact op de vaste en variabele vergoeding van de betrokken personen.
De raad van bestuur verwacht in het lopende en het eerstkomende boekjaar het remuneratiebeleid niet ingrijpend te zullen aanpassen.
Zoals hoger vermeld werd Luc Bertrand onmiddellijk na de jaarvergadering van 23 mei 2016 als CEO opgevolgd door Jan Suykens en werd Luc Bertrand met ingang van die datum benoemd tot voorzitter van de raad van bestuur. Vermits het een transitiejaar betreft, wordt hierna de individuele vergoeding weergegeven van, respectievelijk, Luc Bertrand als CEO over de eerste 5 maanden van het jaar en deze van Jan Suykens, eveneens als CEO, over de laatste 7 maanden van het jaar. Hierbij weze vermeld dat de raad van bestuur, op voorstel van het remuneratiecomité, heeft beslist om aan Luc Bertrand een variabele vergoeding toe te kennen over het volledige boekjaar 2016 uit erkentelijkheid voor de dynamische wijze waarop hij de voorbije 30 jaar als CEO de diversificatiestrategie van de groep vorm heeft gegeven en deze heeft vertaald naar rendabele groei. Mede onder zijn leiding is de marktkapitalisatie van Ackermans & van Haaren over de voorbije 30 jaar toegenomen van 50 miljoen euro tot, momenteel, bijna 5 miljard euro.
Luc Bertrand (januari tot mei 2016):
| Statuut | zelfstandige |
|---|---|
| Vaste vergoeding | € 290.550 |
| Variabele vergoeding (12 m) | € 747.758 |
| Groepsverzekering (type 'vaste bijdrage') en hospitalisatieverzeke ring (bijdragen gestort door de vennootschap) |
€ 75.673 |
| Voordelen in natura (bedrijfswagen en smartphone) |
€ 8.287 |
| Statuut | zelfstandige |
|---|---|
| Vaste vergoeding | € 277.830 |
| Variabele vergoeding (7 m) | € 264.359 |
| Aandelenopties (belastbare basis) |
€ 64.165 |
| Groepsverzekering (type 'vaste bijdrage') en hospitalisatieverzeke ring (bijdragen gestort door de vennootschap) |
€ 60.167 |
| Voordelen in natura (bedrijfswagen en smartphone) |
€ 3.096 |
Het globale brutobedrag van de remuneratie en andere voordelen die, rechtstreeks of onrechtstreeks, door Ackermans & van Haaren of haar dochtervennootschappen in 2016 aan de overige leden van het executief comité werden toegekend (inclusief de bedragen en voordelen toegekend aan Jan Suykens in zijn hoedanigheid van lid van het executief comité tot eind mei 2016) kan als volgt worden uitgesplitst:
| Statuut | zelfstandige |
|---|---|
| Vaste vergoeding | € 2.134.050 |
| Variabele vergoeding | € 1.414.454 |
| Aandelenopties (belastbare basis) |
€ 375.826 |
| Groepsverzekering (type 'vaste bijdrage') en hospitalisatieverzeker ing (bijdragen gestort door de vennootschap) |
€ 402.047 |
| Voordelen in natura (bedrijfswagen en smartphone) |
€ 31.272 |
2.8 Opties uitgeoefend door en toegekend aan de leden van het executief comité in 2016
In 2016 hebben drie leden van het executief comité in totaal 14.500 opties uitgeoefend.
| Naam | Aantal | Uitoefen prijs |
Jaar toe kenning |
|---|---|---|---|
| Piet Bevernage |
2.000 | € 62,12 | 2007 |
| Piet Bevernage |
2.000 | € 66,05 | 2008 |
| Piet Bevernage |
2.000 | € 60,81 | 2011 |
| Piet Bevernage |
2.000 | € 56,11 | 2012 |
| André Xavier Cooreman |
2.000 | € 52,05 | 2010 |
| André Xavier Cooreman |
2.000 | € 56,11 | 2012 |
| Koen Janssen |
2.500 | € 60,81 | 2011 |
| Vervaldatum 3 januari 2024 Uitoefenprijs € 130,95 Jan Suykens 8.000 Tom Bamelis 5.000 Piet Bevernage 5.000 André-Xavier Cooreman 5.000 Koen Janssen 5.000 John-Eric Bertrand 4.000 Totaal 32.000 |
|
|---|---|
De overeenkomsten van de leden van het executief comité bevatten de gebruikelijke bepalingen inzake vergoeding (vaste en variabele vergoeding), niet-concurrentie en confidentialiteit. De overeenkomsten gelden voor onbepaalde duur. Geen enkele overeenkomst werd gesloten na 1 juli 2009, uitgezonderd de overeenkomsten die op, respectievelijk, 17 april 2012, 27 juni 2014 en 3 juli 2015 met Koen Janssen, André-Xavier Cooreman en John-Eric Bertrand werden gesloten betreffende hun mandaat als lid van het executief comité, waarvan zij sinds, respectievelijk, 1 april 2012, 1 juli 2014 en 1 juli 2015 deel uitmaken.
De huidige voorzitter van het executief comité kan zijn overeenkomst eenzijdig beëindigen mits betekening van een opzegtermijn van 6 maanden. De vennootschap kan eenzijdig deze overeenkomst beëindigen mits betekening van een opzegtermijn van 24 maanden.
De andere leden van het executief comité kunnen hun overeenkomst eenzijdig beëindigen mits betekening van een opzegtermijn van 6 maanden. De vennootschap kan eenzijdig de overeenkomst van deze leden beëindigen mits betekening van een opzegtermijn van 18 maanden. Deze termijn kan oplopen tot maximum 24 maanden afhankelijk van de leeftijd van het betrokken lid van het executief comité op het ogenblik van de eenzijdige beëindiging van de overeenkomst door de vennootschap, uitgezonderd voor Koen Janssen, André-Xavier Cooreman en John-Eric Bertrand, wiens overeenkomsten van zelfstandige dienstverlening dateren van na de inwerkingtreding van artikel 554, vierde lid W.Venn. (m.n. op 3 mei 2010), dat beperkingen invoerde betreffende de duur van opzegtermijnen:
De overeenkomsten tussen de vennootschap en de leden van het executief comité bevatten voorts bepalingen betreffende de toekenningscriteria inzake variabele vergoeding en voorzien in een terugvorderingsrecht ten gunste van de vennootschap van de variabele vergoeding die werd toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.
Op aanbeveling van het remuneratiecomité heeft de raad van bestuur op 27 maart 2013 voorgesteld de vergoeding van de bestuurders, die m.b.t. de boekjaren 2011 en 2012 gelijk was gebleven, vanaf boekjaar 2013 als volgt aan te passen:
| Basisvergoeding voor de voorzitter van de raad van bestuur |
€ 60.000 |
|---|---|
| Basisvergoeding voor de bestuurders |
€ 30.000 |
| Bijkomende vergoeding voor de leden van het remuneratiecomité |
€ 2.500 |
| Bijkomende vergoeding voor de voorzitter van het auditcomité |
€ 10.000 |
| Bijkomende vergoeding voor de leden van het auditcomité |
€ 5.000 |
| Zitpenning per deelname aan een vergadering van de raad van bestuur of het audit- of remuneratiecomité |
€ 2.500 |
Dit voorstel werd goedgekeurd door de gewone algemene vergadering van 27 mei 2013. Tijdens voormelde vergadering heeft de voorzitter verduidelijkt dat het bedrag van 2.500 euro voor de zitpenningen gelezen dient te worden als een maximumbedrag. De raad van bestuur heeft beslist de toepassing van deze verhoging gefaseerd in te voeren, a rato van 800 euro voor 2013, 1.600 euro voor 2014 en 2.500 euro voor 2015 en de daaropvolgende jaren.
Gelet op het feit dat Luc Bertrand op 23 mei 2016 werd benoemd tot voorzitter van de raad van bestuur, in opvolging van Jacques Delen, en hij daarnaast tevens, in het belang van de groep, voorzitter is geworden of gebleven van CFE, DEME en Sipef en bestuurder is gebleven bij Delen Private Bank, Bank J.Van Breda & Co en Atenor Group, heeft het remuneratiecomité voorgesteld hem een vaste vergoeding toe te kennen van 350.000 euro per jaar, ingaand vanaf 1 juni 2016. Dit voorstel werd meegedeeld aan de algemene vergadering van 23 mei 2016.
Iedere bestuurder ontving in 2016 een tantième (over het boekjaar 2015).
De bedragen van de individuele vergoeding en andere voordelen die door Ackermans & van Haaren aan de bestuurders werden toegekend in 2016 kunnen als volgt worden samengevat:
Gelet op het feit dat de bedragen van de vergoedingen, tantièmes en zitpenningen niet gerelateerd zijn aan de omvang van de resultaten, kunnen deze worden gelijkgesteld met een vaste, niet-prestatiegebonden vergoeding.
Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat Luc Bertrand daarnaast in 2016 nog een vergoeding ontving als voorzitter van het executief comité van Ackermans & van Haaren (tot eind mei 2016) alsook een tantième van Sipef t.b.v. 42.500 euro. Jacques Delen ontving in 2016, rechtstreeks en onrechtstreeks, een vergoeding als voorzitter van de raad van bestuur van Bank Delen en als zaakvoerder van Delen Investments t.b.v. 406.500 euro (inclusief pensioenverzekering) en beschikt over een bedrijfswagen. Hij ontving in 2016 ook een tantième als bestuurder van Sipef t.b.v. 25.000 euro. De vergoedingen die Sipef heeft uitgekeerd aan Luc Bertrand en Jacques Delen worden vermeld in het jaarlijks financieel verslag van Sipef (Remuneratieverslag - Vergoeding van niet-uitvoerende bestuurders) over het boekjaar 2016.
Namens de raad van bestuur, 29 maart 2017
Luc Bertrand Voorzitter van de raad van bestuur
| Tantièmes | Zitpenningen | |
|---|---|---|
| Alexia Bertrand | € 30.000 | € 20.000 |
| Luc Bertrand | € 45.000 | € 22.500 |
| Marion Debruyne bvba | € 30.000 | € 12.500 |
| Jacques Delen | € 45.000 | € 22.500 |
| Teun Jurgens | € 30.000 | € 10.000 |
| Valérie Jurgens | € 30.000 | € 12.500 |
| Pierre Macharis | € 32.500 | € 27.500 |
| Julien Pestiaux | € 37.500 | € 37.500 |
| Thierry van Baren | € 37.500 | € 40.000 |
| Frederic van Haaren | € 32.500 | € 25.000 |
| Pierre Willaert | € 40.000 | € 35.000 |
| Totaal | € 390.000 | € 265.000 |
Ackermans & van Haaren wenst haar activiteiten op een duurzame wijze te ontwikkelen en te laten groeien, met respect voor mens en maatschappij, met een transparante rapportering en communicatie en met oog voor financiële evenwichten. Onze nieuwe baseline 'Partners for sustainable growth' bevestigt deze ambitie en zet nog duidelijker de toon voor de toekomst.
Ackermans & van Haaren draagt de familiale waarden van de oprichtende families, die nog steeds nauw betrokken zijn bij het bedrijf, hoog in het vaandel. Zo drijven elementen als continuïteit, ethisch ondernemen, denken op lange termijn, waardecreatie door groei, werken met partners en wederzijds respect reeds decennialang het beleid van de groep. Als 'Partners for sustainable growth' bouwen we hierop verder, samen met onze belanghebbenden.
Onze baseline 'Partners for sustainable growth' is opgebouwd rond de volgende 4 pijlers:
Wij geloven sterk in een langdurende relatie met onze participaties. Onze groep is over de jaren heen gegroeid van een baggergroep naar een industriële groep met een gedifferentieerde portefeuille in 4 strategische segmenten. In onze investeringspolitiek houden we ook rekening met de globale trends, zoals de opwarming van de aarde en de vergrijzing van de populatie. In dit kader werd onze groep in 2009 uitgebreid met een participatie in Anima Care, en in 2016 met een kleine deelneming in OncoDNA.
Onze investeringshorizon op lange termijn geeft onze participaties de tijd om zelf een langetermijnstrategie op te zetten en te implementeren. Concreet betekent dit voor onze belangrijkste participaties in elk van de 4 strategische segmenten over de laatste 10 jaar (2006-2016) een gemiddelde jaarlijkse groei van het eigen vermogen van:
Van onze participaties verwachten we dat ze inzetten op innovatie en op de uitbouw van hun activiteiten met respect voor mens en maatschappij. We bekijken samen de trends, op wereldvlak indien relevant, om zo als partner de strategische beslissingen in de raad van bestuur te kunnen nemen. Meer hierover vindt u terug in het deel over maatschappelijk verantwoord ondernemen bij onze participaties.
We wonen alle raden van bestuur en auditcomités van de participaties bij en, waar nodig, bieden we ondersteuning bij een belangrijke operationele uitdaging. Hiertoe hebben we aan ieder van onze participaties één of meerdere investment manager(s) toegewezen. Zij vormen een stabiel contact tussen de participatie en de groep.
Op regelmatige tijdstippen brengen we vertegenwoordigers van onze participaties samen rond een gemeenschappelijk onderwerp. Dat kan gaan van aankoop, personeelsbeleid tot bewustwording en preventie van fraude. Hierdoor trachten we de kennis van één ieder binnen onze groep te versterken en ook uitwisseling van 'best practises' te bevorderen. Eén keer per jaar vindt ons 'AvH Event' plaats: het management van onze participaties krijgt een update van de strategie van de groep en wordt uitgenodigd na te denken over een (nieuwe) uitdaging via een key note speaker, bijvoorbeeld rond digitalisering of HR.
Vanaf onze oprichting als partnership tussen Hendrik Willem Ackermans en Nicolaas van Haaren streven we ernaar een goede partner te zijn voor onze aandeelhouders, net als voor onze participaties. Met onze transparante communicatie en rapportering willen we het vertrouwen bevestigen dat onze aandeelhouders in ons stellen. Dit is één van de 9 principes uit ons 'Corporate Governance Charter', dat ook op onze website beschikbaar is.
Over de periode van de laatste 10 jaar (2006-2016) bedraagt de gemiddelde jaarlijkse groei van ons eigen vermogen 6,9%, een gestage groei over de periode heen. Het dividend volgde dezelfde trend, met een gemiddelde jaarlijkse groei van 5,9%. De marktwaarde van het AvH-aandeel steeg over deze periode gemiddeld 7,7% per jaar. Hierdoor bedroeg de gemiddelde jaarlijkse waardecreatie voor de aandeelhouder (aandeel en dividend) 8,9%. Ter vergelijking, de Bel All-Share index is over dezelfde periode jaarlijks gemiddeld met 0,7% gedaald.
Mensen spelen een cruciale rol in de succesvolle uitvoering van elke bedrijfsstrategie, zowel bij Ackermans & van Haaren als bij de participaties. Een prioriteit is dan ook het aantrekken en behouden van getalenteerde mensen met complementaire kennis en ervaring. AvH is tevens actief betrokken bij de selectie van het topmanagement van haar participaties.
De groep maakt in het personeelsstatuut, het selectie- en promotiebeleid en de evaluatiesystemen geen enkel onderscheid naar geslacht, geloofsovertuiging, afkomst of seksuele geaardheid. De groep verbiedt bovendien alle vormen van discriminatie bij aanwerving en promotie.
Gedragslijnen inzake financiële transacties zijn vastgelegd in het 'Corporate Governance Charter' en dienen door al onze medewerkers en leden van de raad van bestuur te worden nageleefd.
We kunnen bogen op een stabiele groep van 30 medewerkers op het hoofdkantoor, met een gemiddelde anciënniteit van 18 jaar. Deze groep zorgt voor een continu contact met de participaties. Op die manier wordt continuïteit in samenwerking over lange termijn verzekerd.
De raad van bestuur werd in 2016 uitgebreid naar 10 leden, waarvan 3 vrouwen en 7 mannen. De gemiddelde anciënniteit bedraagt 14 jaar. De leden van onze raad van bestuur zorgen voor het uitzetten van de lange termijn strategische lijn van de groep. Het executief comité komt tweewekelijks samen om deze te vertalen naar het dagelijks management.
Sinds jaar en dag steunt Ackermans & van Haaren bepaalde projecten van wetenschappelijke en sociaal-culturele aard die, waar mogelijk, een band vertonen met de Antwerpse regio. Hierbij wordt ernaar gestreefd een duurzame relatie op te bouwen met de partners, met dien verstande dat deze relatie periodiek wordt geëvalueerd. In 2016 heeft AvH ongeveer 300.000 euro besteed ter ondersteuning van verschillende instellingen, organisaties en projecten, waaronder:
Onze nieuwe baseline ambieert ontwikkeling en groei van de activiteiten op een duurzame wijze, met respect voor mens en maatschappij. Al onze participaties zijn hiermee aan de slag gegaan. Hieronder geven we inspirerende voorbeelden binnen onze 4 strategische segmenten. Wij wensen onze oprechte dank uit te spreken voor de inzet van eenieder die een steen of steentje bijgedragen heeft tot dit maatschappelijk verantwoord ondernemen in één van onze participaties het voorbije jaar. Alleen samen kunnen we dit grootse begrip echt vorm geven en uitdragen.
De stijgende vraag naar verantwoordelijke en ethische bedrijfsvoering uit zich ook in een extra dimensie op het vlak van innovatie, zowel op technologisch vlak als op het vlak van de aangeboden diensten en producten. Het volstaat immers niet langer om nieuwe toepassingen te ontwikkelen; deze dienen ook rekening te houden met de impact op de samenleving.
DEME heeft in 2016, samen met Royal IHC, de 'DPC Innovation Award' gewonnen voor de eerste baggerschepen op LNG. Deze awards worden toegekend aan de meest innovatieve en toekomstgerichte projecten in de bagger- en havenindustrie. De sleephopperzuigers 'Minerva' en 'Scheldt River', die bij Royal IHC worden gebouwd, zullen de eerste baggerschepen ter wereld zijn met motoren die op twee soorten brandstof werken en die volledig op LNG kunnen draaien. Beide baggerschepen zullen een 'Green Passport' en een 'Clean Design Notation' krijgen. Ze voldoen aan de striktste internationale emissienormen.
In 2016 is DEME van start gegaan met de bouw van een reeks avant-garde schepen, waaronder verscheidene wereldprimeurs die dit jaar de vloot zullen versterken. Omdat het de toekomst van de planeet wil vrijwaren, investeert DEME in 'dual fuel' schepen, dus met motoren die zowel diesel als LNG kunnen gebruiken. Ze beperken de CO2 -uitstoot en elimineren de uitstoot van NOx, SOx en fijnstof vrijwel volledig. Wanneer het investeringsprogramma uitgevoerd zal zijn, zal DEME een van de zeldzame
Leasinvest Real Estate Treesquare
DEME - Orion
eigenaars zijn van een vloot die deze technologie op zulke grote schaal toepast. De investeringen gaan veel verder dan de wettelijke eisen en alle schepen van DEME (zoals Minerva, Scheldt River, Apollo, Blanew, Gulliver) zullen een 'Green Passport' en een 'Clean Design'-certificaat ontvangen.
DEME's paradepaardje van 2016 is de 'Living Stone', het eerste ecologische polyvalente schip. Dit schip met duale brandstof is uitgerust met een systeem voor warmterecuperatie. Daarnaast is de aan boord gebruikte olie biologisch afbreekbaar. Dit schip combineert ecologie met een indrukwekkende laadcapaciteit van 12.500 ton en een dekoppervlakte van 3.000 m². Het zal in het tweede kwartaal 2017 zijn eerste opdracht uitvoeren in het windpark Hornsea Project One, voor de kust van Yorkshire. In 2017 zal DEME met trots nog een nieuwe aanwinst voorstellen: 'Bonny River', een 'dual fuel' baggerzuiger die dankzij het speciale ontwerp van zijn romp ideaal is voor opdrachten in de kustbescherming, met bovendien optimalisatie van het brandstofverbruik en dus beperking van CO2 -voetafdruk.
DEME bereidt zich op de toekomst voor door in 'Spartacus' en 'Orion' te investeren. Met een snijvermogen van 9.000 kW zal de nieuwe snijkopzuiger 'Spartacus' de krachtigste zijn ter wereld. Hij zal 50% meer vermogen hebben dan de bestaande snijkopzuigers van DEME, die zelf al reuzen zijn. Met zijn enorme snijvermogen zal hij hardere bodems aankunnen, met snelheden die vroeger uitgesloten waren. Dat betekent dat de snijkopzuiger de werkzaamheden zelf zal kunnen uitvoeren, zonder dat er dynamiet en explosies bij komen kijken. De 'Spartacus' zal tot op 45 meter diepte kunnen baggeren, terwijl de huidige limiet op de markt 35 meter is. Dankzij een grote brandstofautonomie en accomodatiecapaciteit zal hij bovendien op erg afgelegen plaatsen met een beperkte infrastructuur kunnen werken. Hij krijgt krachtige baggerpompen, goed voor een verbijsterende 26.000 kW. Het geplande nieuwe schip zal ook comfortabeler zijn voor de bemanning, want het dekhuis wordt door luchtkussens gedragen om trillingen tot het minimum te beperken. Er is ook een groot atelier voor de reparatie van snijkoppen aan boord. Een andere kolos waarin DEME investeert, is de 'Orion', die vooral voor de offshore windmarkt zal werken. Het 210 m lange schip voor offshore constructiewerken krijgt een kraan met een ongeëvenaard hijsvermogen. De 'Orion' heeft een buitengewone transportcapaciteit en kan ettelijke zeer grote en zware monopijlers en overgangsstukken in één keer vervoeren. De twee schepen zullen in 2019 worden geleverd.
Ook in de bouw speelt innovatie een steeds grotere rol. De bedrijven van de groep CFE zijn zich daar zeer goed van bewust en investeren in grootschalige opleidingsprogramma's rond BIM (Building Information Model) en Lean. CFE Bouw Vlaanderen heeft de BIM-benadering op het terrein getest en er een originele en erg positieve formule uit ontwikkeld: BlueBeam. BlueBeam laat toe om digitaal en in reële tijd te werken en vereenvoudigt verschillende processen.
Sipef werkt samen met New Britain Palm Oil aan de ontwikkeling van hoogrenderende F1 hybride oliepalmen die zouden moeten leiden tot significante opbrengst- en productiviteitsverbeteringen voor de palmolie-industrie wereldwijd, en de landbouw in het algemeen. Een F1 hybride variëteit is de eerste generatie nakomelingen van twee duidelijk verschillende en genetisch uniforme ouders, elk met identieke sets chromosomen. Deze technologie heeft het potentieel om de palmolieopbrengst per oppervlakte-eenheid substantieel te verhogen in vergelijking met de conventionele methode.
Ook bij het investeren dient rekening gehouden te worden met de uitdagingen in onze maatschappij. Bij investeringen wordt nagegaan of deze duurzaam zijn: brengen ze een verbetering voor mens of milieu en zijn ze ethisch verantwoord? Daarnaast dienen onze producten op een verantwoorde manier ontgonnen te worden.
Hernieuwbare energie is de laatste jaren een steeds belangrijker element geworden in de strategie van de groep Ackermans & van Haaren. Een groot aantal participaties heeft investeringen en uitbreidingen gedaan op het vlak van hernieuwbare energie, energiebesparingen of co-generatie. Bovendien integreert het merendeel van de participaties milieuvriendelijke initiatieven in hun bestaande activiteiten en dagelijkse werking.
DEME's focus om in de voorhoede van de blauwe energie te staan, wordt geïllustreerd door haar betrokkenheid bij MeyGen, het baanbrekende project voor getijdenenergie in Schotland van Tidal Power Scotland, waarin DEME in april 2016 een belang
Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen
DEME - Ondernemer voor Ondernemers
CFE - Docks - Brussel
verwierf. Dit project wordt de eerste getijdencentrale met meerdere turbines ter wereld die op het elektriciteitsnet zal worden aangesloten. Daarnaast verkreeg DEME's dochterbedrijf GeoSea het installatiecontract voor Fase 1A van MeyGen, een uitdagend project waarvoor het hefvaartuig 'Neptune' werd ingezet. MeyGen 1A vertegenwoordigt een vermogen van 6 MW, met een Atlantis-turbine van 1,5 MW en drie Andritz Hammerfest-turbines van 1,5 MW. GeoSea is enthousiast over de toepassing van haar op wereldvlak toonaangevende expertise in dit boeiende, baanbrekende project. GeoSea werkt nu aan de voorbereiding van de tweede fase van 6 MW van MeyGen, die in 2018 zal worden uitgevoerd. Daarnaast is DEME ook bij twee andere ontwikkelingen voor getijde-energie betrokken, het West Islay Tidal Energy Park in Schotland (30 MW) en Fair Head in Noord-Ierland (100 MW). Deze projecten worden in samenwerking met lokale partners ontwikkeld.
Sipef blijft investeren in het terugdringen van de uitstoot van biogassen. Vijf van de acht verwerkingsfabrieken zijn ondertussen uitgerust met methaanopvangsystemen om aan de normen voor certificering voor groene-energiedoeleinden in Europa te kunnen voldoen. In Noord-Sumatra werd een ultramoderne compostinstallatie opgeleverd die al de lege trossen ('Empty Fruit Bunches - EFB') en de vloeibare afvalstoffen uit de fabriek zal kunnen absorberen, de grondstructuur van de oudste oliepalmplantages kan verbeteren en het gebruik van chemische meststoffen zal terugdringen. In Bengkulu werd ook de installatie voor elektriciteitsproductie uit methaangassen opgeleverd om, zodra de Indonesische overheid er klaar voor is, de, voor Sipef en de lokale overheid belangrijke, eerste levering van elektriciteit aan het publieke net te voorzien.
Voor het behoud van de omgeving voert Sipef een ecologisch en verantwoord landbouwbeleid, in overeenstemming met de principes en criteria van de 'Roundtable on Sustainable Palm Oil' (RSPO). Het gaat hierbij om een hele reeks van milieu- en sociale onderwerpen zoals transparantie, het voldoen aan wettelijke normen, een goed landbouwbeleid, de duurzame ontwikkeling van de gronden en een aanhoudend streven naar perfectie. De groep baseert zich hiervoor op de 'Sipef Responsible Plantations Policy', een overkoepelende groepspolicy betreffende duurzaamheid, die ondersteund wordt door verscheidene meer specifieke policy's. Het doel is om de positieve effecten van de activiteiten op lange termijn te waarborgen, en dit op 4 vlakken: verantwoorde sociale praktijken, verantwoord plantage- en verwerkingsbeheer, verantwoorde nieuwe ontwikkelingen en volledige traceerbaarheid. De bananenplantages Plantations J. Eglin in Ivoorkust en de theeplantage Cibuni in Indonesië werden in 2016 door de 'Rainforest Alliance' gecertificeerd.
Delen Private Bank heeft een bijkomende maatschappelijke impact door de investeringskeuzes die ze dagelijks maakt. In dat kader onderschrijft de bank de door de Verenigde Naties ondersteunde 'Principles for Responsible Investment', hetgeen haar engagement inzake verantwoord investeren bevestigt. Op dit vlak wordt samengewerkt met fondsbeheerder Capfi Delen Asset Management (Cadelam), dochtervennootschap van Delen Private Bank. Samen kijken ze erop toe dat de investeringen stroken met de vooraf bepaalde basisprincipes. Er wordt veel belang gehecht aan het voorzichtige karakter van de investeringsfilosofie, die geboekstaafd staat als die van een dynamische goede huisvader. Gericht op de lange termijn, ligt de nadruk ook hier op eenvoud en gezond verstand.
Bij Bank J.Van Breda & Co is compliance een onafhankelijke functie die de naleving van de regels die verband houden met de integriteit van het bankieren controleert en bevordert. Het integriteitsbeleid richt zich prioritair tot volgende domeinen: witwaspreventie, voorkomingsbeleid fiscale mechanismen, transacties in financiële instrumenten, handel met voorkennis, koersmanipulatie, wetgeving op de privacy, discretieplicht, deontologische codes en dergelijke.
Bij Leasinvest Real Estate wordt gestreefd naar een 'BREEAM In-Use Excellent'-score voor de herontwikkeling van de kantoorgebouwen Treesquare en Montoyer in Brussel. Voor het kantoorgebouw Monnet in Luxemburg wordt een 'BREEAM Refurbishment Excellent' verwacht op basis van het dossier ingediend in februari 2016. Waar mogelijk, worden ook energiebesparende maatregelen genomen om de gebouwen duurzamer en energie-efficiënter te maken. Zo werd het dak van het Frun retailpark in Asten, dat in 2016 werd verworven, uitgerust met zonnepanelen om de duurzaamheid van het park te optimaliseren. Hierdoor wordt jaarlijks op de site meer dan 0,500 GKWh groene stroom geproduceerd met een CO2 -uitstootreductie van 400 ton tot gevolg.
Ook CFE bouwt met oog voor het milieu. De groep bouwde diverse passiefgebouwen: de school 'De Vonck' in Knokke (MBG), een kinderdagverblijf in houtskeletbouw in Laken, de school 'Les Trèfles' in Anderlecht (CFE Brabant), de cafetaria 'La Laiterie' in een beschermd park in Schaarbeek (Leloup Entreprises Générales) of het Green Wall-gebouw voor IFAPME in Gembloers (Druart). Veel projecten hebben de BREEAM-certificering 'Very Good' of 'Excellent' verkregen of zullen dat verkrijgen. We noemen onder meer het grote complex Docks Bruxsel (BPC), het project Promenada (CFE Polska) en de gebouwen Kons en Glesener in Luxemburg (CLE). Verscheidene andere projecten van BPI hebben eveneens duurzaamheidscertificeringen verkregen of zullen dat verkrijgen: Edengreen, Greenhill, G4S, Differdange, Kiem, Route d'Esch.
Tenslotte hebben AvH en CFE in 2016 hun aandeel in Green Offshore verhoogd naar 100%. De groep heeft participaties in verscheidene projecten voor offshore windparken, zoals Rentel, voor de kust van Oostende, dat ongeveer 285.000 huishoudens van hernieuwbare energie zal voorzien.
De AvH-groep streeft ernaar het personeelsbestand van 21.165 medewerkers (via haar aandeel in de participaties) gemotiveerd en geëngageerd te houden. Training en opleiding is voor alle medewerkers een belangrijk element om hun talent verder te ontwikkelen en zo bij te dragen tot het succes van de groep. Sommige participaties hebben hiervoor een eigen opleidingscentrum, terwijl andere een beroep doen op externe organisaties. Tenslotte speelt ook veiligheid een belangrijke rol.
DEME werd in verschillende landen bekroond als werkgever. Initiatieven die hiervan aan de basis liggen zijn o.a. 'People@DEME' en 'Time To'. Het 'People@DEME'-platform geeft elke werknemer toegang tot een persoonlijke ontwikkelingsmatrix. Deze geeft inzicht in de functie en verantwoordelijkheden en stelt diverse opleidingsmogelijkheden voor. Dit bevat naast verplichte opleidingen, ook vrijblijvende suggesties door het uitbouwen van de eigen loopbaan. In 2016 werd ook het nieuw evaluatieplatform 'Time To' gelanceerd. Dit helpt werknemers en managers om hun prestaties, vaardigheden en ontwikkelingsnoden te evalueren. Het systeem biedt DEME ook een waardevolle database met vaardigheden zodat de juiste specialisten geselecteerd worden voor de projecten.
De groep Van Laere wil zich profileren als één van de meest vooruitstrevende ondernemingen op het gebied van veiligheid, vitaliteit/gezondheid, milieu, kwaliteit en klantgerichtheid. Om dit doel te bereiken is een dynamisch zorgsysteem ingevoerd dat geïntegreerd is binnen het globale beleid van de onderneming. Dit zorgsysteem omschrijft alle principes om te voldoen aan wet- en regelgeving, het optimaliseren van interne en externe klantentevredenheid en het streven naar een continue verbetering van veiligheids-, gezondheids-, milieuen kwaliteitsmateries. Om de boodschap vorm te geven wordt gebruik gemaakt van een logo, dat met regelmaat opduikt tijdens trainingen of op affiches. Er wordt zo getracht om de medewerkers een veiligheids- en kwaliteitsreflex eigen te maken, het veiligheidsbewustzijn nog te verhogen en ongevallen, incidenten en faalkosten te vermijden.
Bank J.Van Breda & Co hecht een groot belang aan haar personeelsbeleid en engageert zich als werkgever op de volgende punten: vrijheid, ruimte en gelijke kansen om zich maximaal te ontwikkelen; een pragmatische aanpak; integriteit, collegialiteit en plezier; duidelijke doelstellingen; waardering voor professionalisme en inzet; de mogelijkheid om te mislukken, te leren en opnieuw te beginnen; begeleiding op professioneel en zo nodig op persoonlijk vlak; open en directe communicatie; een evaluatie met woord en wederwoord; en tenslotte werk voor wie voluit meebouwt aan de realisatie van deze bedrijfsmissie.
Anima Care gaat voor kwaliteit. Zij combineert een aangename leef- en werkomgeving met een kwaliteitsvolle dienstverlening. Anima Care besteedt veel aandacht aan de constante verbetering van haar werkmethodes en van de operationele systemen en aan de selectie, begeleiding en ontwikkeling van haar medewerkers die de kwaliteitsvisie en de waarden van Anima Care dag na dag omzetten in de praktijk. De medewerkers worden voortdurend gecoacht en krijgen geregeld bijscholing zodat zij kunnen groeien in hun job en in aanmerking komen voor belangrijkere verantwoordelijkheden. Dankzij weldoordachte en welomschreven processen worden de teams gestimuleerd om efficiënter te werken zodat er meer tijd overblijft voor wat echt telt: de kwalitatieve zorg voor de residenten.
Met als doel het beheer van de plantages te optimaliseren, besteedt Sipef veel aandacht aan de vorming van de lokale medewerkers, zowel op landbouwkundig als op leidinggevend gebied. De politiek van de groep op landbouwkundig, technisch, milieu- en algemeen gebied wordt uiteengezet in handleidingen, met praktische richtlijnen om hieraan tegemoet te komen. Trainingssessies ondersteunen de correcte toepassing. De groep ziet erop toe dat alle personeelsleden in een gezonde en veilige omgeving kunnen werken.
De belanghebbenden van een onderneming zijn uiteraard niet alleen het personeel, de klanten en de leveranciers. Ondernemingen maken deel uit van de samenleving en beïnvloeden en worden beïnvloed door tal van groepen en individuen. De meeste participaties steunen dan ook op structurele wijze projecten uit hun omgeving of gelinkt aan hun activiteiten.
DEME heeft de tweede editie gewonnen van de 'Ondernemer voor Ondernemers Trofee' als duurzaamste onderneming 2016. DEME werd vooral erkend met een duurzaam baggerproject op de Congostroom. Sinds 1989 heeft DEME de Congostroom regelmatig uitgebaggerd, maar de groep besloot te zoeken naar een meer duurzame oplossing. Er werd een tolsysteem ingevoerd voor de schepen op de Congostroom zodat de noodzakelijke middelen worden voorzien om de rivier permanent op diepte te houden en verzanding tegen te gaan. De publiek private samenwerking zorgt ook voor de opleiding van 40 jonge Congolezen. Het opleidingstraject omvat onder meer een vierjarige opleiding aan de Hogere Zeevaartschool in Antwerpen. Na een voorbereidend jaar in Congo zijn de eerste twee studenten in België aangekomen om hun studies aan te vatten.
Via een eigen Indonesische stichting levert Sipef sinds enkele jaren een langetermijnbijdrage aan het natuurbehoud in dit land. Ze doet dit o.a. door de uitbating van een kleine instelling die op de zuidkust van Sumatra twee stranden beschermt waar bedreigde zeeschildpadsoorten hun eieren leggen, en door de actieve bescherming van meer dan 12.000 ha bedreigde bossen die naast het Nationale Park van Kerinci Seblat gelegen zijn. Hier heeft Sipef een nauwe samenwerking met de lokale bevolking om stropers en illegale boskap te stoppen. Daarnaast heeft de groep ook de intentie om bossen te herplanten in het kader van een 60-jarige overeenkomst met de overheid.
Jaarlijks selecteert Delen Private Bank een aantal initiatieven die ze vanuit haar maatschappelijk engagement financieel steunt. De aandacht gaat naar kleinschalige projecten die op een sympathieke en oprechte manier een zorgend, pedagogisch of artistiek doel nastreven.
Bank J.Van Breda & C° is zich bewust van haar maatschappelijke verantwoordelijkheid. Ze gaat dagelijks om met succesvolle ondernemers en vrije beroepen, maar weet dat succes niet vanzelfsprekend is. Daarom steunt ze structureel 2 maatschappelijke initiatieven waar ook de cliënten zich nauw mee verbonden voelen. Deze organisaties zijn niet zo bekend bij het grote publiek en hebben het dus ook moeilijker om aan middelen te geraken. Hun steun gaat naar 'Ondernemers Zonder Grenzen' en 'Artsen Zonder vakantie'.
Bij Leasinvest Real Estate worden elk jaar nieuwe opportuniteiten geëvalueerd en nieuwe initiatieven opgestart. In 2016 waren dit Cliniclowns, vzw De Zwaluw, beheerd door de Koning Boudewijnstichting, Oscare kinderbrandwondenfonds en 'Artsen Zonder Grenzen'.
| Voorzitter | Jan Suykens |
|---|---|
| Leden | Tom Bamelis John-Eric Bertrand Piet Bevernage André-Xavier Cooreman Piet Dejonghe Koen Janssen |
(Samen met de leden van het executief comité)
Marc De Pauw Matthias De Raeymaeker An Herremans Philip Heylen Jens Van Nieuwenborgh
Tom Bamelis Financieel directeur Hilde Delabie Group controller Bart De Leeuw Group controller Marc De Groote Accountant Bart Bressinck Accountant Jean-Claude Janssens Treasurer Katia Waegemans Communication &
information manager
Juridische en administratieve zaken
Sofie Beernaert Legal counsel
Piet Bevernage Secretaris-generaal
Michaëla Goelen Onthaal Robin Muller Onthaal Filip Portael IT Garry Suy Conciërge
Patricia Bielen Management assistant Chantal Dille Management assistant Sarah Franssens Management assistant Sonja Goossens Personeelsadministratie Lydie Makiadi Management assistant Brigitte Stockman Management assistant Petra Van de Velde Management assistant
Ernst & Young Bedrijfsrevisoren BCVBA, vertegenwoordigd door Patrick Rottiers & Wim Van Gasse
DEME realiseert een goed resultaat op een, zoals verwacht, lagere omzet. Het orderboek groeit aan tot 3.800 miljoen euro. CFE bevestigt de turnaround en draagt positief bij tot de groepswinst in 2016.
DEME - Jurong Island Westward Extension - Singapore
De Belgische bagger- en milieugroep DEME is één van de grootste en meest gediversifieerde baggeren marinebouwbedrijven ter wereld.
CFE is een beursgenoteerde Belgische industriële bouwgroep met activiteiten in België, Luxemburg en Polen.
Van Laere is een algemeen aannemer van grote bouwprojecten in België.
80%
Green Offshore bezit minderheidsbelangen in offshore windparken.
Rent-A-Port ontwikkelt havenprojecten op basis van haar havengerelateerde en logistieke knowhow en ervaring.
| (€ miljoen) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| DEME | 93,9 | 121,6 | 103,0 |
| CFE | 7,2 | -13,4 | -3,4 |
| Algemene Aannemingen Van Laere | -2,5 | 2,1 | 0,9 |
| Rent-A-Port | 6,9 | 1,0 | 4,3 |
| Green Offshore | -0,3 | -2,0 | -0,2 |
| Totaal | 105,2 | 109,2 | 104,5 |
DEME is één van de grootste waterbouwbedrijven ter wereld. Vanuit haar kernactiviteit, baggerwerken en civiele werken op het water, heeft de groep complementaire activiteiten ontwikkeld 'offshore' op het gebied van hernieuwbare energie, olie en gas, net zoals op het gebied van grond- en slibsanering en het winnen van aggregaten en mineralen.
DEME heeft in 2016 een nettowinst van 155,3 miljoen euro gerealiseerd. DEME kon haar recordjaar 2015 (met o.a. de grote werken aan het Suezkanaal) niet evenaren: de (economische) omzet bereikte uiteindelijk 1.978,2 miljoen euro (2015: 2.351,0 miljoen euro). Het opstarten van enkele grote werven voor de aanleg van offshore windparken in de loop van het tweede semester leidde, samen met de andere activiteiten van de DEME-groep, reeds tot een duidelijke stijging van het activiteitsniveau: de omzet in H2 2016 klokte af op 1.175,1 miljoen euro en DEME verwacht deze positieve evolutie te kunnen voortzetten in 2017.
De uitvoering van de vele projecten waarop DEME actief is, verliep over het algemeen voorspoedig, wat leidde tot een operationele cashflow (EBITDA) van 450,1 miljoen euro (22,8% van de omzet). Ook al ligt dit cijfer eveneens lager dan 2015 (558,4 miljoen euro, 23,8%), toch is dit duidelijk beter dan verwacht en boven de historische vork van 16% tot 20% EBITDA-marge.
DEME kon in 2016 2.593 miljoen euro nieuwe contracten toevoegen aan haar orderboek, zowel voor de aanleg van offshore windparken (Merkur (Duitsland), Hornsea1 (VK), Horns Rev (Denemarken), Rentel (België)) als in de traditionele baggeractiviteiten (vernieuwing onderhoudscontract Belgische Kust, Port Louis Mauritius) en in de milieutak (Blue Gate saneringswerken in Antwerpen). Het orderboek groeide aan tot 3.800 miljoen euro per eind 2016 (2015: 3.185 miljoen euro).
Met het oog op het uitvoeren van het omvangrijke orderboek, zette DEME haar investeringsprogramma onverminderd voort. 6 nieuwe tuigen, die een gezamenlijke investering vertegenwoordigen van 500 miljoen euro, zijn momenteel in aanbouw (het zelfvarend hefeiland Apollo, het multipurpose- en kabellegschip Living Stone en het zelfvarend DP2 kraanschip Gulliver en 3 sleephopperzuigers). Ondanks wat vertraging van de scheepswerven bij de bouw van deze schepen, zullen de meeste nog in 2017 worden opgeleverd en onmiddellijk worden ingezet. Deze vertraging heeft er wel voor gezorgd dat een aantal betalingen die waren gepland voor het jaar 2016 werden doorgeschoven naar 2017. Het totaal investeringsbedrag in 2016 blijft daardoor beperkt tot 194,7 miljoen euro, wat uiteraard een positieve impact heeft gehad op de nettoschuldpositie van DEME, die verbeterde tot 154,6 miljoen euro op jaareinde 2016 (2015: 266,7 miljoen euro).
In februari 2017 heeft DEME een bijkomende bestelling van 2 nieuwe schepen aangekondigd, met een totale waarde van 500 miljoen euro: Spartacus, de krachtigste en meest vooruitstrevende snijkopzuiger (44.180 kW) ter wereld voor baggerwerken in de hardste rots- en grondsoorten ook in offshore omstandigheden, en Orion, een offshore kraanschip (44.180 kW) met dynamische positionering en een hijsvermogen van 3.000 ton op meer dan 50 m voor constructiewerken in volle zee zoals offshore windparken, diensten voor offshore olie- en gasklanten en de afbraak van oude structuren in zee.
Panama
Singapore
DEME verstevigde haar positie met een aantal nieuwe contracten en de voortzetting van verscheidene langdurige projecten.
In België liepen de onderhoudsbaggerwerken in de havens van Zeebrugge, Oostende en Blankenberge, de vaargeulen op de Noordzee en de Schelde in 2016 verder. DEME was eveneens betrokken bij de renovatie van de kaaimuur van de PSA-containerterminal in de haven van Antwerpen. Aan de Belgische kust werden een aantal golfbrekers afgebroken voor de aanleg van de aanlanding van stroomkabels afkomstig van de windturbineparken. In Nederland werden verdiepings- en grondverbeteringswerken uitgevoerd door DIMCO (DEME Infra Marine Contractors) voor de bouw van de nieuwe kade van de Offshore Terminal Rotterdam. In juni voltooide DEME kustbeschermingswerken voor het 290 ha project Waterdunen in Breskens. Nog in Nederland rondde DEME de laatste fase af van de strandsuppletiewerken in Dishoek, Zoutelande en Goeree-Westhoofd. In 2016 realiseerde de Vries & van de Wiel, samen met een Nederlandse partner, het ca. 21 ha watergebonden bedrijventerrein Kooyhaven en werden de baggerwerken op de Waddenzee afgerond. In Duitsland voerde Nordsee Nasbagger- und Tiefbau onderhoudswerken uit op de Weser in het kader van een tweejarig contract, liepen de werken op basis van waterinjectie op de Elbe en het Kielkanaal verder en werd een contract gewonnen voor de uitbreiding van de Europakaai in Cuxhaven. In Frankrijk was SDI (Société de Dragage International) actief in Bayonne, op de Seine tussen Le Havre en Rouen en aan de kustlijn in Wissant. In La Réunion werkt DEME verder aan de 'Nouvelle Route du Littoral', een 13 km lange in zee gebouwde kustweg. DEME staat onder meer in voor het baggeren van de funderingsputten voor het viaduct van de nieuwe weg. In Italië werden onderhoudsbaggerwerken uitgevoerd in de haven van Livorno. Op de Yard Belleli di Taranto bouwt SIDRA (Societa Italiana Dragaggi) een damwand en een waterzuiveringsinstallatie.
Nouvelle Route du Littoral - La Réunion
Dankzij baanbrekende apparatuur en technieken lopen de werken voor het Singaporese megaproject Tuas Terminal Phase 1 op kruissnelheid. DEME realiseert hier, in joint venture met het Zuid-Koreaanse Daelim Industrial, 21 diepwaterkades met een jaarlijkse containercapaciteit van 20 miljoen TEU. Een belangrijke mijlpaal was de succesvolle tewaterlating in april 2016 van de eerste van in totaal 222 caissons, die het geraamte van de kade zullen vormen. Het Jurong Island Westward Extension-project loopt verder volgens plan en zal in 2018 voltooid zijn. Het project omvat de winning van ongeveer 38 miljoen m3 land op Jurong Island, de petrochemische hub van Singapore. In Papoea-Nieuw-Guinea werden de werken voor het verwijderen van mogelijk verontreinigde mijnsedimenten uit de Lower Ok Tedi River hervat in maart 2016, na een periode van verminderde activiteit ten gevolge van ongewoon lage waterstanden door El Niño. Het huidige contract loopt zeker nog tot 2020.
Het project La Mer Jumeirah Open Beach in Dubai, dat op geotechnisch vlak een grote uitdaging vormde, werd in 2016 succesvol voltooid. Het project omvatte een nieuwe landwinning van 2,9 miljoen m3 voor residentiële, commerciële en recreatieve doeleinden. Begin 2016 werd het New Port-project in Doha volledig afgewerkt. De werken omvatten het baggeren van de vaargeul en landwinning voor de economische zone en nieuwe ma-
Northwind Zoutelande Dishoek - Nederland
rinebasis. DEME zette ook in 2016 haar activiteiten voort in Egypte. De werken voor het tweede contract in opdracht van de Suez Canal Authority voor het baggeren van het oostelijke toegangskanaal tot Port Said werden aanzienlijk sneller dan gepland voltooid. Daarnaast voerde DEME baggerwerken uit in de haven van Alexandrië, bagger- en landwinningswerken voor de uitbreiding van de Ras Al Teen marinebasis en bagger- en leidinginstallatiewerken voor het Burullus Combined Cycle Power Project. In Turkije voltooide DEME de verbreding en verdieping van de vaargeul, de zwaaikom, het bekken en het toegangskanaal in de haven van Mersin.
In 2016 keerde Dredging International terug naar Panama voor de verdere verbreding en verdieping van het Pacific Access Channel, waarbij de werken eerder dan gepland konden afgerond worden. Ook in 2017 zal DEME actief zijn op het Panama-kanaal met baggerwerken nabij de Cocoli Locks. Nog in Panama voerde DEME verdiepings- en verbredingswerken uit aan de zwaaikom en toegangskanaal van de Manzanillo International Terminal. Daarnaast was DEME ook actief in Mariel Port (Cuba), Barranquilla en Cartagena (Colombia), de haven van Montevideo (Uruguay), de haven van Santos en de Rio Grande (beide in Brazilië).
Met dochterbedrijf International Seaport Dredging (ISD) blijft DEME een prominente rol spelen in Indië, met onder meer het havenuitbreidingsproject in Kamarajar en baggerwerken in de havens van Dhamra, Salaya en Kakinada. Eind 2016 begon DEME met een project in de Malediven voor landwinning in het Emboodhoo Lagoon. Hier worden tien droomeilanden aangelegd voor toerisme.
In 2016 was DEME nog steeds actief op het omvangrijke project EKO Atlantic City in Nigeria. Onderhoudsbaggerwerken lopen verder op de Bonny River in het kader van een concessie met de Nigeriaanse National Ports Authority. In Nigeria was DEME betrokken bij de havenuitbreiding in Onne en landwinning bij Ilubirin Island. Er werd tevens een opdracht toegewezen voor de baggerwerken op het toegangskanaal naar de Lagos Deep Offshore Logistics Base. DEME haalde ook opdrachten binnen voor havenuitbreidingen in Sierra Leone, Mauritius en Guinee en voor een onderhoudscontract in Ivoorkust. Er werden eveneens onderhoudsbaggerwerken uitgevoerd in Angola. In Congo loopt de PPS verder met de lokale maatschappij La Congolaise des Voies Maritimes voor onderhoudswerken op de Congostroom.
Voor offshore energie was 2016 een erg druk jaar. De werken aan het Duitse windturbinepark Nordsee One werden begin 2016 afgerond. GeoSea plaatste ook 91 funderingen voor het windpark Race Bank en installeerde in december de eerste fundering voor windpark Galloper, beide in het Verenigd Koninkrijk. Tideway, een andere dochter van DEME, zal instaan voor de erosiebescherming van de funderingen. GeoSea won een omvangrijk contract voor Hornsea Project One (Verenigd Koninkrijk), het grootste offshore windproject ter wereld, en werd een opdracht gegund voor het Duitse Borkum Riffgrund 2. GeoSea won ook EPCI-contracten voor Merkur (Duitsland) en Rentel (België), waarvan de werken starten in de loop van 2017. In Denemarken won GeoSea een contract voor het 400 MW windpark Horns Rev 3. In het vierde kwartaal bouwde GeoSea mee aan de unieke getijdenenergiecentrale MeyGen in het uiterste noorden van Schotland, waarbij funderingen werden ge-
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | ||
|---|---|---|---|---|
| (1) | (2) | (1) | (2) | |
| Omzet | 1.978.250 | 1.978.194 | 2.286.124 | 2.351.020 |
| EBITDA | 447.389 | 450.145 | 489.215 | 558.389 |
| EBIT | 226.956 | 217.584 | 269.211 | 318.364 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 155.334 | 155.334 | 199.196 | 199.196 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 1.220.638 | 1.220.638 | 1.132.860 | 1.132.860 |
| Netto financiële positie | -151.215 | -154.639 | -269.465 | -266.747 |
| Balanstotaal | 3.288.676 | 3.312.389 | 3.149.769 | 3.233.452 |
| Orderboek (€ mio) | 3.800 | 3.185 | ||
| Capex (€ mio) | 195 | 373 | ||
| Personeel | 4.284 | 4.186 |
(1) Als gevolg van de introductie van de gewijzigde boekhoudstandaarden IFRS10/IFRS11 worden deelnemingen waarover DEME de gezamenlijke controle uitoefent met ingang van 1/1/2014 opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode. (2) In deze opstelling worden de deelnemingen waarover DEME een gezamenlijke controle uitoefent nog proportioneel geïntegreerd. Dit is dus niet conform de nieuwe boekhoudnormen IFRS10 en IFRS11, maar geeft wel een vollediger beeld van de operaties en activa/passiva van deze deelnemingen. In de vermogensmutatie zoals toegepast onder (1) is de contributie van de deelnemingen samengevat op 1 enkele lijn in de balans en in de resultatenrekening.
plaatst voor een eerste reeks van vier onderwaterturbines. GeoSea kreeg eveneens het EPCI-contract toegewezen voor Hohe See in Duitsland, waarvoor de 'financial close' heeft plaatsgevonden in het eerste kwartaal van 2017.
In oktober werd een unieke samenwerkingsovereenkomst getekend tussen DEME en het Chinese COSCO Shipping om samen offshore wind te ontwikkelen in China.
In het kader van een onderhoudscontract voerde GeoSea Maintenance onderhoudswerken uit voor C-Power aan de Belgische kust. Met de hefeilanden 'Neptune' en 'Thor' werden onderhoudsopdrachten uitgevoerd in de Ierse- en Noordzee voor verschillende klanten. GeoSea Maintenance zal met haar snelle bemanningsboten en hefeilanden offshore logistieke- en onderhoudsdiensten aanbieden voor het onderhoud van Rentel.
EverSea, het dochterbedrijf van DEME gespecialiseerd in complexe offshore marine engineering-projecten, voerde met succes de installatiewerken uit van het P11-E onbemande gasplatform in opdracht van het Nederlandse Oranje-Nassau Energie. In het kader van de ontmanteling van het Thames-gasplatform in de Noordzee was EverSea
Schelde - Antwerpen
betrokken bij het verwijderen en transporteren van een ventilatietoren en kraanarm.
Ondanks de uitdagende omstandigheden in de olie- en gassector slaagde Tideway erin in 2016 een hoog activiteitenniveau te behouden, mede door projecten in de sector van de offshore windenergie. In Duitsland realiseerde Tideway de kabelkruisingen voor de windturbineparken DolWin 3 en Veja Mate. Voor de parken Nordsee One en Galloper voerde Tideway de erosiebescherming uit van de funderingen. Tideway voerde ook de vervanging uit van de infield-stroomkabel van het C-Power windturbinepark voor de Belgische kust. Steenbestortingswerken werden gerealiseerd voor de windparken Godewind I en II in Duitsland. Ook in Canada werden steenbestortingswerken uitgevoerd voor het Lower Churchill-project.
Ook in 2016 zette de joint venture Combined Marine Terminal Operations (CTOW) het contract verder voor de levering van havensleepdiensten in de haven van Onne in Nigeria. Twee nieuwe sleepboten, 'CTOW Bieke' en 'CTOW Lala', vervoegden de vloot.
Door Scaldis werd het wrak van de 'Flinterstar', het schip dat in 2015 zonk voor de Belgische kust, veilig geborgen. Scaldis transporteerde en installeerde de substations voor offshore windparken Nordsee One en Rampion en het transformatiestation voor Nobelwind. Scaldis voerde hijswerken uit bij de ontmanteling van het Viking Bravo-gasplatform in de Noordzee. Voorbereidende werken werden uitgevoerd aan verschillende platformen die ontmanteld zullen worden tussen 2017 en 2020.
In 2016 werd de 'financial close' bereikt van de Merkur (Duitsland) en Rentel (België) offshore windparken, waar DEME Concessions Wind een participatie heeft van respectievelijk 12,5% en 18,9%. DEME Concessions heeft naast Rentel concessies voor de Belgische offshore windparken Seastar en Mermaid. De participatie in de Coentunnel in Amsterdam en de helft van de participatie in het offshore windpark C-Power werden verkocht.
Een minderheidsparticipatie werd genomen in Tidal Power Scotland Limited (TPSL), dat samen met Scottish Enterprise eigenaar is van o.m. Mey-Gen, 's werelds eerste getijdenenergiecentrale. Naast de participatie in TPSL is DEME via DEME Blue Energy (DEME Concessions 70% - ParticipatieMaatschappij Vlaanderen 30%) en in samenwerking met Nuhma eveneens partner (50%-50%) in BluePower, een ander ontwikkelingsbedrijf voor getijdenenergie. Samen met het Ierse bedrijf DP Marine Energy worden de projecten West Islay Tidal Energy Parc (30 MW - Schotland) en Fair Head (100 MW - Noord-Ierland) ontwikkeld.
Global Sea Mineral Resources is een dochteronderneming van DEME actief in duurzame diepzeeontginning. Het baanbrekend pre-protoype, 'Patania', werd ontwikkeld en zal in 2017 tijdens een expeditie op de Stille Oceaan getest worden op een diepte van meer dan 4 km.
Begin 2016 verwierf DIMCO in een joint venture met een Nederlandse partner het contract voor de bouw van een 460 meter lange kaaimuur voor de nieuwe Offshore Terminal in de haven van Rotterdam. De eerste 150 meter van de kaai werden operationeel in december 2016. DIMCO kreeg eveneens in januari 2016 de opdracht voor het plaatsen van 6 dukdalven en 27 meerboeien in de haven van Rotterdam en won contracten voor de aanleg van een nieuwe steiger aan de Maasvlakte Oil Terminal en de uitbreiding van de Calandsteiger. DIMCO werkt verder aan het project Spoorzone Delft, waar het instaat voor het ontwerp en de bouw van de 2,3 km lange Willem van Oranje-spoortunnel. DIMCO werkt samen met twee partners aan de grootschalige renovatie van het stuwcomplex op de Lek.
DEC (DEME Environmental Contractors), de milieutak van DEME, was in België actief bij verschillende saneringsprojecten: Carcoke in Zeebrugge, Rhodia in Gent, Bayer in Rieme, Electrabel in Evergem en Eandis in Kortrijk en Veurne. Voor Blue Gate in Antwerpen werden grondonderzoeken afgerond in het kader van de saneringswerken die starten in 2017. DEC zet ook de exploitatie verder van Amoras, waar slib uit de Antwerpse haven wordt verwerkt. DEC voert saneringswerken uit in het Verenigd Koninkrijk voor Avenue Coking Works in Chesterfield en rondde een project af in Staveley Goyts met het verwijderen en verwerken van verontreinigde sedimenten. In 2016 startte DEC samen met het Noorse Veidekke Entreprenør de sanering van een voormalige Noorse raffinaderij in opdracht van ExxonMobil.
In het najaar startte de Vries & van de Wiel de bodemsaneringswerken op het voormalige NAF-terrein in Alphen aan den Rijn.
Ecoterres, de Waalse milieudochter van DEME, behandelde ongeveer 450.000 ton vervuilde grond en sedimenten in haar gespecialiseerde recyclagecentra in België en Frankrijk.
Purazur, een filiaal van DEME gespecialiseerd in waterzuivering, startte in 2016 met de bouw van een nieuwe waterzuiveringsinstallatie voor afvalverwerkingsbedrijf Indaver in Antwerpen. Purazur staat in voor het ontwerp, de constructie en indienstname van de nieuwe installatie.
Hoewel de laatste jaren worden gekenmerkt door een terugval in de Europese bouwsector zag DEME Building Materials een duidelijke toename van activiteiten in 2016, vooral in de eerste jaarhelft met een volledige bezetting van de grindhopperzuigers 'Charlemagne' en 'Victor Horta'. Dit was grotendeels te danken aan de groeiende vraag in het Verenigd Koninkrijk. In Nederland leverde DEME Building Materials ongeveer 50.000 ton zand en grind voor de nieuwe Offshore Terminal Rotterdam, die gebouwd wordt door DIMCO.
Het sterke orderboek van DEME, dat tot een nieuw recordniveau is aangegroeid, laat DEME toe van door te gaan op het elan van de laatste maanden van 2016. Dit zou moeten leiden tot een duidelijk hogere activiteitsgraad (omzet) met marges in lijn met de historische vork.
Van links naar rechts: Christel Goetschalckx, Philip Hermans, Eric Tancré, Hugo Bouvy, Steven Poppe, Lucas Bols, Els Verbraecken, Dirk Poppe, Alain Bernard, Luc Vandenbulcke, Tom Lenaerts, Bart Verboomen, Pierre Potvliege, Wim Biesemans, Theo Van De Kerckhove, Hans Casier, Bernard Paquot, Martin Ockier, Pierre Catteau
CFE is een op Euronext Brussel genoteerde industriële Belgische groep die actief is in drie grote vakgebieden: Bagger- en Maritieme werken, Contracting en Vastgoedontwikkeling.
Na twee moeilijke reorganisatiejaren in 2014 en 2015 sluit CFE 2016 winstgevend af met een goed gevuld orderboek.
CFE kon zowel omzet, winst als orderboek van haar Contracting-poot verbeteren. In de nieuwe organisatiestructuur van CFE draagt de Contracting-activiteit vanaf 2016 volledig haar eigen overhead. Toch stijgt de nettowinst van Contracting tot 10,4 miljoen euro tegenover 9,7 miljoen euro in 2015. Het orderboek is licht gestegen tot 850,5 miljoen euro (2015: 836,3 miljoen euro).
De poot Vastgoedontwikkeling ging in 2016 door met de ontwikkeling van eerder opgestarte projecten. Aangezien in 2016 geen belangrijke transacties werden afgerond, blijft het resultaat van deze poot vrij beperkt.
CFE heeft in 2016 een belangrijke stap gezet in de afbouw van de activiteiten en van de verliezen van de Holding en de niet aan 'Contracting' overgedragen operaties. Als gevolg van de overdracht aan DEME van de tak 'Burgerlijke Bouw' op het einde van 2015 en van het terugdringen van de omzet in Afrika na het opleveren in 2015 van grote projecten in Tsjaad en Algerije valt de omzet van dit segment in 2016 terug tot 36,3 miljoen euro.
De in 2015 uitgevoerde reorganisatie werd geconcretiseerd door een herindeling van de activiteiten van CFE (met uitzondering van de baggeractiviteit van DEME) in twee autonome entiteiten: CFE Contracting (Benelux, Polen en Tunesië) voor bouw, multitechnieken en rail infra & utility networks, en BPI voor het geheel van de vastgoedontwikkeling. Deze filialisering, die lonende vormen van synergie zeker niet uitsluit, heeft snel vruchten afgeworpen.
Een beperkt aantal activiteiten blijven op het niveau van de holding, zoals de internationale bouwactiviteit, die zich toelegt op de afwerking van lopende contracten en op de inning van de vordering (60 miljoen euro) op Tsjaad.
2016 was een positief jaar voor CFE Contracting, met doorgaans stijgende resultaten op diverse markten, in België en internationaal (Polen, Luxemburg en Tunesië). Dankzij het bevredigende niveau van de orderboeken kan men 2017 sereen tegemoet zien.
De twee bijkantoren van CFE Bouw Vlaanderen kenden opnieuw een uitstekend jaar. MBG zette de werf van het AZ Sint-Maarten (Mechelen) verder en voltooide verscheidene werven van het programma 'Scholen van Morgen'. Atro Bouw leverde het prestigieuze 'Gebouw O' met goudkleurige gevels op voor de Universiteit van Antwerpen en noteerde een forse omzetgroei. De twee bijkantoren zullen in 2017 verder naar elkaar toegroeien. Groep Terryn, nu een volwaardige entiteit van CFE, kende een overgangsjaar onder leiding van een nieuw managementteam. BPC Brabant leverde onder meer het grote winkelcentrum Docks Brussel op tot tevredenheid van de klant. CFE Brabant is weer rendabel en fuseerde op 1 januari 2017 met BPC Brabant, zodat het voortaan onder het merk BPC werkt. Er is ook een fusie voorzien van Amart met Leloup Entreprise Générale, dat haar omzet met 50% heeft verhoogd. Na een mooie groei kende BPC Hainaut-Liège-Namur een lichte terugval. Toch werd het jaar gekenmerkt door de oplevering van verscheidene grote projecten, waaronder het winkelcentrum 'Les Grand Prés' in Mons.
In het Groothertogdom Luxemburg startte, vervolgde of leverde CLE een groot aantal projecten in de bouw en de burgerlijke bouwkunde op, waaronder de Galerie Kons en het Viaduct van Pulvermühle. De omzet is met 60% gestegen. Ook een uitstekend resultaat in Polen voor CFE Polska, dat het jaar ondanks een toegenomen concurrentie eindigt met een omzetstijging van 40% en mooie marges. In Tunesië wordt CTE nog altijd met moeilijke marktomstandigheden geconfronteerd.
Begin 2017 werd binnen Multitechnieken een cluster 'Electro' opgericht met VMA, VMA West, Vanderhoydonks en Nizet Entreprise, om een sterke groep tot stand te brengen in elektrotechnische installaties voor de bouw, de infrastructuur en
| (€ miljoen) | Omzet | Nettoresultaat(1) | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | |
| Bouw | 548,5 | 516,9 | ||
| Multitechnieken | 159,2 | 140,5 | ||
| Spoorinfra | 62,8 | 61,5 | ||
| Contracting | 770,5 | 718,9 | 10,4 | 9,7 |
| Vastgoedontwikkeling | 12,1 | 27,2 | 1,4 | 7,0 |
| Holding, niet-overgedragen activiteiten en eliminaties |
36,3 | 207,2 | 1,2 | -43,0 |
| Totaal | 818,9 | 953,3 | 13,0 | -26,3 |
(1) Inclusief bijdrage Rent-A-Port (45%) en Green Offshore (50%) tot CFE.
Docks - Brussel
Remacom - Lochristi
de industrie. VMA heeft belangrijke automatiseringsopdrachten uitgevoerd, naast diverse installaties in de autobranche, de gezondheidszorg en de kantoren. Het ziet haar omzet stijgen en boekt mooie resultaten. Hetzelfde geldt voor VMA West en Vanderhoydonks. Nizet Entreprise heeft tal van activiteiten uitgevoerd in België, Sri Lanka en Vietnam. Het heeft een bijkantoor in het Groothertogdom Luxemburg geopend. Ondanks knappe realisaties, zoals het project 'Rive Gauche' in Charleroi, was 2016 een lastig jaar voor Druart. De nieuwe directie heeft de opdracht de rentabiliteit van het bedrijf in 2017 te verbeteren. Het filiaal Procool ziet zijn omzet met 25% stijgen en heeft een goed gevuld orderboek. be.Maintenance heeft zijn positie als belangrijke speler op de markt van het technische onderhoud en diensten verder versterkt.
ENGEMA had een stabiele activiteit in de signalisatie en de vervanging van bovenleidingen, en een
toegenomen activiteit in de elektrificatie. Het ingrijpend gereorganiseerde ETEC kende een winstgevend jaar. Louis Stevens & Co heeft verscheidene opdrachten voor elektrificatie en telecominstallaties uitgevoerd. Remacom heeft de in 2015 ontwikkelde activiteiten voortgezet, voornamelijk voor Infrabel.
BPI, dat de vastgoedactiviteiten van de groep in België, het Groothertogdom Luxemburg en Polen verzamelt, heeft haar ontwikkeling en commercialisering van diverse grote projecten met succes verdergezet.
In België heeft BPI onder meer de levering van de projecten Solvay in Elsene en Oosteroever in Oostende voortgezet, de commercialisering van de appartementen van Erasmus Garden gelanceerd en de eerste stappen gezet voor een ambitieus project op de site van Allianz in het centrum van Brussel.
In het Groothertogdom heeft BPI Luxembourg de laatste hand gelegd aan het project Kons (oplevering in 2017), de definitieve goedkeuring van het project G4S verkregen, de commercialisering van de site aan de route d'Esch gestart en het project Kiem op het plateau van de Kirchberg verworven.
In Polen waren op 1 januari 2017 alle eenheden van het project Wola Tarasy op één na verkocht. De commercialisering van Wola Libre in Warschau wordt voortgezet. In Gdansk zijn de torens 3 en 4 van het complex Four Oceans vrijwel volledig verkocht. BPI Polska heeft ook de commercialisering van het project Bulwary Książęce in Wroclaw gestart en in Warschau een terrein voor een residentieel gebouw verworven.
De pool Contracting zou de in 2016 ingezette positieve trend in 2017 moeten bevestigen. De pool Vastgoedontwikkeling zou in 2017 een beduidend hoger nettoresultaat moeten opleveren. Het resultaat van de pool Holding en niet-overgedragen activiteiten zal sterk afhangen van de evolutie van de groep CFE in Tsjaad.
www.cfe.be
Van links naar rechts: Raymund Trost, Frédéric Claes, Piet Dejonghe, Renaud Bentégeat, Gabriel Marijsse, Fabien De Jonge, Jacques Lefèvre, Yves Weyts
CFE NV (inclusief DEME)
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 2.797.085 | 3.239.406 | 3.510.548 |
| EBITDA | 465.863 | 504.925 | 479.485 |
| EBIT | 227.570 | 228.905 | 220.399 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 168.411 | 174.961 | 159.878 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 1.521.559 | 1.423.277 | 1.313.627 |
| Netto financiële positie | -213.051 | -322.719 | -188.130 |
| Balanstotaal | 4.328.219 | 4.302.159 | 4.215.452 |
| Orderboek (€ mio) | 4.757 | 4.160 | 3.566 |
| Personeel | 7.752 | 8.160 | 8.021 |
100%
Groep Van Laere focust als aannemer, voornamelijk in België, op grotere, duurzame en innovatieve projecten. Dit zowel in burgerlijke bouwkunde als op het vlak van industriebouw, kantoren, de zorgsector en residentiële projecten, in het kader van nieuwbouw-, restauratie- en renovatieprojecten.
Groep Van Laere realiseerde in 2016 met een geconsolideerde omzet van 195 miljoen euro een stijging van 14% in vergelijking met vorig jaar, wat een zeer hoog activiteitenniveau betekende. De commerciële inspanningen van de laatste jaren hebben duidelijk geloond. Deze omzetevolutie ging evenwel gepaard met groeipijnen. In combinatie met tenderkosten voor belangrijke toekomstige werven, zwakkere cijfers bij de filialen maar vooral een zwaar verlieslatende werf, leidde dit tot een verliessituatie.
Het sterke activiteitenniveau was vooral merkbaar bij het moederbedrijf Van Laere. Zo was het bijzonder actief op de Tour & Taxis-site in Brussel, waar het Herman Teirlinck-gebouw, met 66.500 m² het grootste passiefkantoorgebouw van België, 2.600 Vlaamse ambtenaren zal huisvesten vanaf 2017. Er werden ook 115 appartementen gebouwd in het kader van een reeks projecten voor Extensa. Op residentieel vlak werden voor Vooruitzicht de projecten Regatta en Hemixveer 1 succesvol opgeleverd, en werd Hemixveer 2 opgestart. In opdracht van Bouygues Immobilier werd verder gebouwd aan het appartementenproject Verrewinkel te Ukkel.
De hoge veiligheidscultuur en degelijke plannen van aanpak leidden ertoe dat Van Laere meerdere werken op Brussels Airport mocht uitvoeren. Zo werd er het Passport-project gebouwd in opdracht van Codic, en het nabijgelegen Gateway-project in opdracht van Codic en Immobel opgeleverd.
Op de kantorenmarkt liep het 'Design & Build'-project Imalso, restauratie en nieuwbouw van kantoren voor de Vlaamse Overheid, heel wat vertraging op. In opdracht van Leasinvest Real Estate werden de kantoorprojecten Square de Meeus en Montoyer te Brussel opgestart. In het Nederlandse Utrecht werd succesvol en in een korte tijdsspanne een bioscoopcomplex voor Kinepolis gebouwd.
Van Laere was nog bijzonder actief in het DBM programma 'Scholen van Morgen'. In de loop van 2016 werden niet minder dan 9 scholen opgeleverd en werd de bouw van een school te Laken gestart, terwijl de 30-jaar durende onderhoudsfase voor de opgeleverde scholen begon te lopen. Ook de Karel de Grote Hogeschool te Antwerpen werd opgeleverd.
In de zorgsector werd het 120.000 m² grote AZ Delta Ziekenhuis te Roeselare opgeleverd, en de opdracht met betrekking tot de reconversie van een kantoorgebouw in een woonzorgcentrum in Brussel voor Cofinimmo binnengehaald.
In de industriesector was Van Laere actief op de BASF-site in Antwerpen en de site van Genzyme (Sanofi) te Geel, terwijl de cleanroom voor IMEC te Leuven werd opgeleverd. Een 44.000 m² groot distributiecentrum te Marche-en-Famenne nadert zijn voltooiing.
Het segment van de parkings blijft belangrijk. De bouw van de ondergrondse parking Speecqvest te Mechelen, in opdracht van Q-Park, werd opgestart, terwijl de bouw van de parkings onder de Gedempte Zuiderdokken te Antwerpen, voor dezelfde klant, in 2017 zal starten.
Van Laere investeerde in 2016 in haar toekomst door de aangroei van het personeelsbestand, en door het Secure-programma waarmee op operationele excellentie, 'lean bouwen' of innovatieve technieken zoals BIM (Building Information Model) wordt ingezet. Dit programma, waar meer dan de helft van de betrokken werknemers actief aan meewerken, zal ook in 2017 doorlopen. Commercieel blijft Van Laere investeren in key accounts en in bouwteamformules. Dit leverde een interessante orderportefeuille op. Verder maakt Van Laere deel uit van geselecteerde consortia die deelnemen aan de tenders voor grote infrastructuurprojecten zoals de 'Oosterweelverbinding Antwerpen'.
Thiran realiseerde een 13% lagere omzet in vergelijking met 2015 in een moeilijke markt. De vertraagde startdatum van een aantal werven zorgde voor een verschuiving van omzet en marge naar 2017, terwijl ook bij Thiran een verlieswerf zorgde voor een negatief resultaat. Thiran blijft een gevestigde waarde in de ziekenhuissector, en wordt er gewaardeerd voor haar kwalitatieve uitvoering. Het orderboek voor 2017 is beloftevol, maar de druk op de marges blijft groot.
Dit aannemingsbedrijf voor restauratiewerken, dat sterk afhankelijk is van publieke werken, heeft een moeilijk jaar achter de rug. De vooropgestelde omzetgroei werd niet gerealiseerd, terwijl er heel wat personeelswissels waren die hun impact hadden op het verloop van bepaalde werven. Intussen werd het personeelsbestand versterkt, maar het blijft een moeilijke markt door de huidige besparingen bij de overheid. 2017 zou terug met winst moeten kunnen afgesloten worden.
Alfa Park presteerde behoorlijk in 2016, waarbij interessante 'service level overeenkomsten' met key accounts werden binnengehaald, de omzet in de bestaande parkings positief evolueerde zodat ze
Herman Teirlinck - Brussel
Kinepolis - Utrecht
Karel de Grote Hogeschool - Antwerpen
stilaan op kruissnelheid komen, en de kosten daalden. Desalniettemin droeg Alfa Park nog steeds niet positief bij tot het groepsresultaat. In 2016 werd nagedacht hoe, op basis van het bestaande platform dat succesvol is geëvolueerd, de groei van deze activiteiten nog kan versneld worden.
De eerste helft van 2017 zal gekenmerkt worden door een lagere omzet, aangezien er heel wat projecten voor key accounts en in bouwteams zijn waarvan de uitvoeringsfases pas in de tweede helft van 2017 aanvangen. Het orderboek voor 2017 en de volgende jaren is met 127 miljoen euro al goed gevuld, ook omdat dit nog geen rekening Gateway - Zaventem
houdt met ondertussen binnengehaalde projecten zoals de Gedempte Zuiderdokken in Antwerpen. In 2017 zal verder gewerkt worden aan het 'operational excellence' programma 'Secure', zodat het een transitiejaar zal worden.
Van links naar rechts: Veerle Vercruysse, Geert De Kegel, Natalie Verheyden, Jean Marie Kyndt, Johan Vanhaleweyk, Rudi De Winter
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 194.986 | 170.491 | 166.861 |
| EBITDA | -920 | 5.893 | 4.989 |
| EBIT | -3.399 | 3.258 | 2.490 |
| Nettoresultaat (deel groep) | -2.466 | 2.084 | 856 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 36.199 | 39.277 | 37.014 |
| Netto financiële positie | 15.378 | 17.851 | 8.129 |
| Balanstotaal | 114.790 | 104.775 | 100.920 |
| Personeel | 462 | 465 | 460 |
Rent-A-Port ontwikkelt greenfield havenprojecten en industriezones gelinkt aan havens. Het volledig beheer van de distributie van nutsvoorzieningen (elektriciteit, water, afvalophaling, waterzuivering) moet toelaten om initiatieven van hernieuwbare energie en drinkwatervoorziening te financieren. Deze initiatieven worden uitgevoerd door de dochterfirma's Rent-A-Port Green Energy en Infra Induss, een joint venture met Waterlink.
Tien Phong Zuid - Vietnam
2016 is voor Rent-A-Port en Rent-A-Port Green Energy een jaar geweest van consolidatie en voorbereiden van de verdere groei.
Door het afstoten van het belang van Rent-A-Port in de offshore windmolenprojecten Rentel, Seastar
www.rentaport.be
Van links naar rechts: Geert Dom, Marc Stordiau, Lutgart Devillers, Marcel Van Bouwel, Valentijn Maussen
en Mermaid aan de aandeelhouders AvH en CFE, werd de balans van Rent-A-Port in 2016 versterkt. De schuldgraad is gevoelig verminderd. De ontwikkelingsactiviteiten in Vietnam en Oman, die een substantieel deel van het resultaat van Rent-A-Port verklaren, worden via vermogensmutatie verwerkt.
Dankzij aanwervingen in Oman, Vietnam en Qatar, is het personeelsbestand van de Rent-A-Port Groep nu uitgegroeid tot 330 personeelsleden. Deze werknemers zijn gespecialiseerd in engineering, financieel beheer en havenoperaties.
In Vietnam en in Oman zijn stappen gezet om de controle op de eigen elektrische distributienetwerken te versterken. De lokale en centrale overheden zijn daar bovendien vragende partij voor het produceren van groene energie waardoor de ommezwaai naar wind, zonnepanelen en 'waste to energy' in een beslissende fase geraakt.
In de provincie Quang Ninh (Vietnam) heef Rent-A-Port de leiding genomen bij het bekomen van twee grote concessies: Tien Phong Zuid (360 ha, zonder externe partners) en Tien Phong Noord (1.200 ha, in partnership met een partner uit Qatar). In 2016 werd de hydraulische ophoging van Tien Phong Zuid opgestart en is de nodige administratieve structuur opgezet voor een eerste industrieel park. Het vereiste 'Investment Certificate' werd op 28 december 2016 bekomen. Dit project ligt in lijn met wat Rent-A-Port gedaan heeft bij de Dinh Vu-concessie in de jaren 2001 tot 2004.
De 'home-country-benadering', met een grondige kennis van het land en de nodige contacten, werd in 2016 succesvol toegepast in Vietnam, in Oman en in Qatar. Zo werden in Vietnam, in nauw overleg met de nationale regering in Hanoi, een aantal initiatieven ondernomen voor de verzelfstandiging van het elektrisch distributienetwerk van Dinh Vu, voor de grootschalige opkuis van alle drijvend afval van Halong Bay en voor de productie van zoet water geschikt voor irrigatie in de Mekong Delta.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 4.309 | 4.386 | 5.981 |
| EBITDA | -2.334 | -2.040 | -2.173 |
| EBIT | -2.373 | -2.073 | -2.208 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 4.423 | 2.599 | 5.927 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 45.788 | 41.551 | 33.530 |
| Netto financiële positie | -7.620 | -9.372 | -8.914 |
| Balanstotaal | 61.664 | 60.045 | 53.708 |
Green Offshore participeert in de ontwikkeling van offshore windparken.
Begin juli 2016 hebben AvH en CFE hun aandeel in Rent-A-Port Energy naar 100% verhoogd door de participatie van het management in Rent-A-Port Energy over te nemen. Gelijktijdig werd de naam gewijzigd in Green Offshore.
Green Offshore bezit deelnemingen in offshore windparken in België: Rentel (12,5% direct en indirect), Otary (12,5%) en de nog te ontwikkelen offshore windprojecten Seastar en Mermaid.
Rentel is een offshore windconcessie in de Belgische Noordzee. Het windpark ligt op ongeveer 40 km van Oostende en zal 42 windturbines van 7,35 MW tellen. Het zal met een totaal geïnstalleerd vermogen van 309 MW hernieuwbare energie leveren aan ongeveer 285.000 gezinnen. Met hun piekhoogte van 183 m worden de windturbines de hoogste die tot nu toe in de Belgische Noordzee geïnstalleerd zijn. Ze zullen worden geleverd en onderhouden door Siemens en zullen met directe aandrijving werken. In dit geval is de rotor rechtstreeks met de generator verbonden (zonder tandwielkast).
Rentel heeft de 'financial close' bereikt in het vierde kwartaal van 2016. De offshore werkzaamheden zullen in het voorjaar van 2017 beginnen en de eerste stroom zal naar verwachting medio 2018 in het Belgische net worden geïnjecteerd. Eind 2018 zou het windpark volledig operationeel moeten zijn. Het project Rentel zal dan bijdragen aan de leidersrol van België in offshore windenergie en aan de realisatie van de Belgische klimaatdoelstellingen voor 2020.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 0 | 37 | 0 |
| EBITDA | -182 | -321 | -302 |
| EBIT | -184 | -354 | -302 |
| Nettoresultaat (deel groep) | -342 | -375 | -322 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 5.001 | 4.342 | 2.117 |
| Netto financiële positie | -27.103 | 0 | 0 |
| Balanstotaal | 32.694 | 7.197 | 4.985 |
60 Partners for Sustainable Growth
Zowel Bank J.Van Breda & Co als Delen Investments realiseren in 2016 een belangrijke verdere aangroei van door cliënteel toevertrouwde vermogens en leggen daarmee een sterke basis voor 2017.
Delen Private Bank - Antwerpen
Delen Investments legt zich toe op vermogensbeheer en patrimoniaal advies voor een ruim cliënteel van particulieren.
Bank J.Van Breda & C° is een gespecialiseerde adviesbank die zich uitsluitend richt tot ondernemers en vrije beroepen.
ASCO-BDM
De verzekeringsgroep ASCO-BDM richt zich via makelaars op maritieme en industriële verzekeringen.
Bijdrage tot het geconsolideerd nettoresultaat AvH
| (€ miljoen) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Finaxis | -1,0 | -0,8 | -0,6 |
| Delen Investments | 69,2 | 72,8 | 63,6 |
| Bank J.Van Breda & Co | 29,7 | 31,9 | 28,0 |
| ASCO-BDM | 0,6 | 0,1 | 0,4 |
| Totaal | 98,5 | 104,0 | 91,4 |
Private Banking 61
Delen Investments CVA legt zich toe op vermogensbeheer en patrimoniaal advies voor een ruim cliënteel van particulieren. De groep Delen Investments is uitgegroeid tot een gevestigde waarde zowel in België (Delen Private Bank) als in Nederland (Oyens & Van Eeghen) en in het Verenigd Koninkrijk (JM Finn & Co). De groep beheerde eind 2016 in totaal 37.770 miljoen euro.
De vermogens onder beheer door de groep Delen Investments bereikten op het einde van 2016 een recordniveau van 37.770 miljoen euro (eind 2015: 36.885 miljoen euro).
De sterke groei bij Delen Private Bank, waar het beheerd vermogen is gestegen van 25.555 miljoen euro (2015) tot 27.383 miljoen euro (2016), is het resultaat van een positieve impact van de waarde-ontwikkeling van de vermogens en van een sterke organische nettogroei, van zowel bestaande als van nieuwe particuliere klanten. De constante instroom van vermogens, waartoe alle Belgische vestigingen bijdragen, getuigt van het vertrouwen dat het cliënteel in Delen Private Bank stelt en bevestigt haar vooraanstaande positie in het discretionair beheer van vermogens in België. In de eerste helft van het jaar was de instroom van kapitalen, als gevolg van moeilijke marktomstandigheden, wat teruggevallen in vergelijking met het recordniveau van 2015. In de tweede helft van 2016 was de instroom echter volledig hersteld. De voorzichtige beleggingsstrategie blijft haar toegevoegde waarde bewijzen. Delen Private Bank realiseerde in 2016 voor haar klanten betere rendementen dan het sectorgemiddelde (met gelijkaardig risicoprofiel).
Bij de Britse vermogensbeheerder JM Finn & Co (Delen Investments 80,1%) daalden de beheerde vermogens van 10.758 miljoen euro (7.929 miljoen £) eind 2015 tot 9.730 miljoen euro (8.331 miljoen £) eind 2016. Deze daling wordt verklaard door een beperkte netto-uitstroom, maar vooral door de koersevolutie van het Britse pond ten opzichte van de euro (-13,9%, -1.520 miljoen euro), hetgeen slechts gedeeltelijk gecompenseerd werd door de gunstige ontwikkeling van de waarde van de klantenportefeuilles, uitgedrukt in GBP.
Op 31 december 2016 bedroegen de activa onder beheer voor particulieren en stichtingen bij Oyens & Van Eeghen 657 miljoen euro (eind 2015: 572 miljoen euro).
De brutobedrijfsopbrengsten van de groep Delen Investments daalden in 2016, ondanks de overname van Oyens & Van Eeghen, tot 313,1 miljoen euro, waarvan het aandeel van JM Finn & Co en Oyens & Van Eeghen 81,0 miljoen euro bedroeg. Deze daling is voornamelijk het gevolg van de daling van variabele commissies in volatiele marktomstandigheden, de impact van de wisselkoers (GBP) bij de consolidatie van de opbrengsten van JM Finn & Co en de lage marktinterestvoeten. De bedrijfskosten stegen met 5,8% (8,2% exclusief JM Finn & Co en Oyens & Van Eeghen). De toename van de kosten bij Delen Private Bank voor de aanhoudende ontwikkeling op het gebied van IT, het aanwerven van personeel, de tijdelijke huur van kantoren in Antwerpen en het organiseren van klantenevents is een rechtstreeks gevolg van de groeiende activiteit. Bij JM Finn & Co is de toename van de kosten in lokale munt beperkter en te verklaren door hogere personeelskosten (o.m. door de aanwerving van bijkomende medewerkers) en een stijging van de uitgaven voor marketing en IT. De cost-income ratio bleef zeer competitief met 57,8% (slechts 46,3% bij Delen Private Bank, 85,8% bij JM Finn & Co en 96,8% bij Oyens & Van Eeghen). Deze ratio is licht achteruitgegaan ten opzichte van 2015 (54,9%) gezien de gerealiseerde investeringen en hogere uitgaven niet onmiddellijk resulteren in een toename van de inkomsten. Eind 2016 telde de groep 657 personeelsleden (VTE), waarvan 335 bij Delen Private Bank, 296 bij JM Finn & Co en 26 bij Oyens & Van Eeghen.
Delen Private Bank - Luik
De nettowinst daalde in 2016 tot 87,9 miljoen euro (tegenover 92,4 miljoen euro in 2015). De bijdrage van JM Finn & Co tot het nettoresultaat van de groep was 5,6 miljoen euro (na afschrijvingslast cliënteel en 19% minderheidsbelangen van 2,5 miljoen euro; in 2015: 5,5 miljoen euro). De bijdrage van Oyens & Van Eeghen tot het nettoresultaat van de groep was 0,1 miljoen euro (na afschrijvingslast cliënteel van 0,1 miljoen euro).
Het geconsolideerd eigen vermogen van Delen Investments bedroeg 621,2 miljoen euro op 31 december 2016, tegenover 582,6 miljoen euro op 31 december 2015. Dit houdt reeds rekening met de verkoopoptie van het JM Finn & Co-management om de resterende aandelen (gewaardeerd aan 25,0 miljoen euro) na verloop van tijd aan de groep Delen Investments te verkopen. Het nuttig eigen vermogen van de groep (rekening houdend met de immateriële vaste activa van 241,0 miljoen euro, waarvan 50,7 miljoen euro cliënteel van JM Finn & Co en 7,2 miljoen euro cliënteel van Oyens & Van Eeghen) bedroeg 377,3 miljoen euro op het einde van het jaar (vergeleken met 284,9 miljoen euro eind 2015). De groep Delen Investments is ruim gekapitaliseerd en voldoet ruimschoots aan de Bazel III-vereisten op het vlak van eigen vermogen. De Core Tier1-kapitaalratio van 30,9% ligt ruim boven het sectorgemiddelde en houdt rekening met de langetermijnverplichting om JM Finn & Co minderheidsaandeelhouders uit te kopen. Delen Investments beschikt over een solide en eenvoudig te begrijpen balans. De cashtegoeden blijven conservatief belegd bij de Nationale Bank van België, in kwaliteitsvol overheidspapier (geen PIIGS exposure), bij kwaliteitsbanken op korte termijn of in kwaliteitsvolle kortetermijnverplichtingen van blue-chip bedrijven. De impact van de Bazel III-regelgeving is voor Delen Investments gering, vermits het kapitaal van de groep uitsluitend uit Core Tier1-kapitaal bestaat, de portefeuille conservatief is belegd en de ratio's van de groep nu reeds ruimschoots de huidige en toekomstige vereisten overtreffen. Het rendement op het (gemiddeld) eigen vermogen bedroeg 14,6%, een zeer bevredigend cijfer.
Delen Private Bank - Gent Delen Private Bank - Hasselt
Delen Private Bank paste in 2016 haar traditionele investeringsprincipes toe om het vermogen van haar cliënteel, binnen de grenzen van hun risicoprofiel, te laten profiteren van de opportuniteiten in de markten. In de context van ingrijpende politieke veranderingen, van rentestijging en van slechte prestaties van de Europese beurzen boekte Delen Private Bank zeer behoorlijke resultaten en werden de risico's steeds beperkt gehouden.
In 2016 zette Delen Private Bank haar strategie voort om de kwaliteit en de efficiëntie van het vermogensbeheer te optimaliseren door te blijven streven naar een steeds groter aandeel beheersmandaten. Op het einde van 2016 werden 76% (20.728 miljoen euro) van de toevertrouwde vermogens rechtstreeks discretionair of via de eigen patrimoniale beveks beheerd. Uitgedrukt in aantal rekeningen bedraagt het aandeel beheersrekeningen 90%. Dit vertegenwoordigt nu meer dan 22.000 beheersmandaten. Delen Private Bank belegde voor haar klanten in zeer gespreide aandelenportefeuilles, met de klemtoon op Europa. Bij de obligaties bleef de looptijd kort (minder dan een jaar) om zich te wapenen tegen het risico van rentestijgingen. Op valutavlak werd de ruime diversificatie buiten de eurozone behouden en zelfs licht verhoogd in het laatste kwartaal. Het obligatiegedeelte van de portefeuilles bleef voornamelijk belegd in kortetermijnbeleggingen in sterke landen en bedrijven, met een dynamischere bijdrage dankzij investeringen in eeuwigdurende obligaties. In 2016 wierp dit beleid zijn vruchten af en droegen alle activaklassen bij tot het resultaat.
Delen Private Bank blijft, zelfs in een vooraanstaande positie, marktaandeel winnen op de Belgische private banking markt, mede dankzij de sterke groei van nieuwe particuliere vermogens. De uitbouw van een lokale verankering van de bank werpt zijn vruchten af. Meer dan drie vierde van de netto-instroom van kapitalen komt via de kantoren buiten de hoofdzetel in Antwerpen en in Luxemburg. Dit moedigt Delen Private Bank aan om verder te investeren in personeel en infrastructuur. In 2016 werd het gerenoveerde kantoor in Luik geopend. De medewerkers in Antwerpen verhuisden naar een tijdelijke locatie, zodat in 2017 de uitbreidings- en renovatiewerken aan de hoofdzetel kunnen beginnen. Verdere investeringen zijn gepland in West-Vlaanderen, en in Leuven en in Namen zal Delen Private Bank nieuwe kantoren openen. In Brussel en Gent zijn uitbreidingen gepland.
Bank J.Van Breda & C° droeg via haar kantoren opnieuw in belangrijke mate bij tot het resultaat van Delen Private Bank. Op 31 december 2016 beheerde Delen Private Bank 4.737 miljoen euro voor rekening van cliënten aangebracht door het netwerk van Bank J.Van Breda & C°. Daarnaast verzorgt Delen Private Bank de effectenadministratie van Bank J.Van Breda & C° (865 miljoen euro). Op die
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Brutobedrijfsopbrengsten | 313.071 | 314.094 | 278.546 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 87.877 | 92.417 | 80.825 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 621.204 | 582.554 | 517.390 |
| Beheerd vermogen van cliënteel | 37.769.779 | 36.884.917 | 32.866.141 |
| Cost-income ratio | 57,8% | 54,9% | 55,0% |
| Return on equity | 14,6% | 16,8% | 16,5% |
| Core Tier1-kapitaalratio(1) | 30,9% | 26,0% | 27,8% |
| Personeel (VTE) | 657 | 641 | 563 |
(1) Core Tier1 = solvabiliteitsratio
manier vertegenwoordigt Bank J.Van Breda & C° ongeveer 20,1% van het totaal beheerd vermogen bij Delen Private Bank.
Bij JM Finn & Co evolueerden de klantenportefeuilles, met gemiddeld een sterkere weging in aandelen, erg positief. Na een volatiele periode in de aanloop naar de brexit stemming, heeft de Londense aandelenmarkt resoluut gekozen voor een opwaartse tendens. De verzwakking van het Britse pond heeft ook gezorgd voor een additionele bijdrage van buitenlandse aandelen. Dankzij het talent van haar vermogensbeheerders en de sterke markten in het Verenigd Koninkrijk, was JM Finn & Co in 2016 in staat om mooie resultaten voor haar klanten te realiseren.
De aankoop van 73,49% van de Londense vermogensbeheerder JM Finn & Co in 2011 was een belangrijke stap voor de groep Delen Investments. In 2016 kocht Delen Investments 6,52% van de minderheidsaandeelhouders om zo het directe aandeelhouderschap te verhogen tot 80,1%. Eind 2016 had JM Finn & Co 9.730 miljoen euro (8.331 miljoen £) aan toevertrouwde activa, waarvan 71% in discretionair beheer. De groei in toevertrouwde activa en in het aandeel discretionair beheer bevestigt dat JM Finn & Co een gezonde onderneming is met groeipotentieel. De positie van JM Finn & Co in de Britse on-shore vermogensbeheermarkt in combinatie met de gedrevenheid en de ervaring van Delen Private Bank, moeten JM Finn & Co toelaten om verder te groeien en te evolueren tot een prominente speler op de Engelse vermogensbeheermarkt.
Op operationeel vlak was 2016 opnieuw een druk jaar voor JM Finn & Co dankzij de harmonisering van het tariferingsbeleid, belangrijke initiatieven om te voldoen aan de verstrengde compliance omgeving, het verhogen van de efficiëntie van de organisatie en het verder uitdiepen van de samenwerking met Delen Private Bank. De klemtoon wordt ook gelegd op het verder verhogen van de commerciële activiteit, o.a. door het uitrollen van de nieuwe vermogensplanningsactiviteit en door de ingebruikname van nieuwe CRM-software. Het directiecomité van JM Finn & Co blijft ervoor zorgen dat de strategische initiatieven en prioriteiten geleidelijk succesvol geïmplementeerd worden om zo de succesvolle groeistrategie gepaard te laten gaan met een noodzakelijke winstverbetering.
Delen Private Bank nam in 2015 alle aandelen over van Oyens & Van Eeghen, één van Nederlands oudste onafhankelijke financiële instellingen, opgericht in 1797. Delen Private Bank versterkte daarmee haar aanwezigheid in de Benelux. Eind 2016 had Oyens & Van Eeghen 657 miljoen euro aan toevertrouwde activa voor particuliere klanten, waarvan 94% in discretionair beheer. Daarnaast beheert Oyens & Van Eeghen ook 667 miljoen euro voor lokale overheden in het kader van mandaten met een aflopende termijn. Oyens & Van Eeghen heeft zich in de afgelopen jaren steeds meer en succesvol toegespitst op het segment van gespecialiseerd vermogensbeheer en fiduciaire advisering van particulieren en institutionele partijen. Oyens & Van Eeghen biedt een kwaliteitsvol platform om in de Nederlandse on-shore vermogensbeheermarkt het Delen-model uit te bouwen.
Oyens & Van Eeghen begon het jaar met een overweging in aandelen en had hierdoor een hogere blootstelling aan de moeilijkere markten in het eerste kwartaal. De heropleving liet toe om goede resultaten neer te zetten en het gedeelte aandelen werd op het einde van het jaar zelfs verhoogd. De strategie om aandelen te kopen in cyclische sectoren die na een moeilijke periode relatief ondergewaardeerd zijn, heeft eveneens positief bijgedragen aan het beleggingsresultaat. De looptijden van het obligatiegedeelte van de portefeuilles zijn wat langer dan bij Delen Private Bank, maar nog altijd van korte duur. Samen met een doeltreffende selectie van kredietrisico leverden de korte looptijden een mooie bijdrage voor de obligatieportefeuilles.
Op operationeel vlak was 2016 een druk jaar met belangrijke ontwikkelingen. Verschillende teams van medewerkers hebben ervoor gezorgd dat de expertise, in het bijzonder op gebied van beveks, en de IT-systemen die door Delen Private Bank in België ontwikkeld zijn, ook in Nederland ingezet kunnen worden. Dit zal in 2017 resulteren in een belangrijke verbetering van de dienstverlening en efficiëntieverhoging in Nederland. Hierdoor zal Oyens & Van Eeghen in staat zijn een groter publiek te dienen vanuit haar kantoren in Amsterdam en Den Bosch. Het plan is ook om talentvolle commerciële medewerkers aan te werven om de groei te begeleiden en te versnellen. In dit kader zijn in 2016 vier bijkomende commerciële medewerkers aangeworven.
Delen Private Bank blijft vasthouden aan haar voorzichtige beleggingsfilosofie en is overtuigd dat deze aanpak het verschil zal blijven maken op lange termijn. Delen Private Bank (België, Luxemburg en Zwitserland), JM Finn & Co (Verenigd Koninkrijk) en Oyens & Van Eeghen (Nederland) zullen zich verder inzetten om nieuwe kapitalen aan te trekken, met een focus op regio's waar de naambekendheid in de lift zit. Delen Private Bank gaat 2017 met een gezonde dosis van voorzichtig optimisme in. Delen Private Bank zal trachten de nieuwe marktomstandigheden zo goed mogelijk te benutten, en de evoluties op de voet te volgen om het vermogen van haar klanten op lange termijn te beschermen en te laten renderen.
Naast de succesvolle uitvoering van de strategische initiatieven ter versterking van het JM Finn & Co-model en de verdere integratie van Oyens & Van Eeghen binnen de groep, zal de groep Delen Investments ook externe groei-opportuniteiten blijven evalueren. De groep is ervan overtuigd dat haar business model, dat zich in België aan een standvastig ritme ontwikkelt, ook toepasbaar is op andere markten waar de groep aanwezig is.
Delen Private Bank - van links naar rechts: René Havaux, Alexandre Delen, Filips De Ferm, Paul De Winter, Arnaud van Doosselaere, Bernard Woronoff, Eric Lechien, Christian Callens
JM Finn & Co - van links naar rechts: boven: Simon Temple-Pedersen, Gregory Swolfs, Hugo Bedford, Eric Lechien onder: Charles Beck, Sarah Soar, Steven Sussman, Paul Dyas
Oyens & Van Eeghen - van links naar rechts: Eric Lechien, Pim Baljet, Frederik Baert, Frederik Kalff, Marc Bakker
Bank J.Van Breda & C° is een gespecialiseerde adviesbank die zich uitsluitend richt tot ondernemers en vrije beroepen. Dochterbedrijf ABK bank positioneert zich als vermogensbegeleider voor particulieren. Van Breda Car Finance biedt autofinancieringen en financiële autoleasing aan via de autodistributeurs.
In 2016 heeft Bank J.Van Breda & C° opnieuw sterke commerciële prestaties neergezet in elk van haar drie activiteiten: vermogensbegeleiding voor ondernemers en vrije beroepen (Bank J.Van Breda & C°), vermogensbegeleiding voor particulier cliënteel (ABK bank) en financiering & leasing van wagens via vendoren (Van Breda Car Finance).
De commerciële volumes (totaal belegd door cliënten + kredietverlening aan cliënten) zijn met 11% gestegen, van 15,1 miljard euro eind 2015 naar 16,7 miljard euro eind 2016.
Met een geconsolideerde nettowinst van 37,7 miljoen euro (-7% tegenover 2015) realiseerde de bank het tweede beste resultaat uit haar geschiedenis. Net als in de voorgaande jaren is de winst gebaseerd op sterke onderliggende commerciële resultaten. Ondanks de volumegroei daalde de nettowinst als gevolg van druk op de rentemarge en hogere bankenheffingen.
Het eigen vermogen van de bank groeide aan tot 518 miljoen euro, waarbij een rendement op eigen vermogen (ROE) werd gerealiseerd van 7,4%.
In 2016 bedroeg het geconsolideerd bankproduct 134 miljoen euro. Dit is bijna volledig commercieel gedreven. Gerealiseerde meerwaarden, opbrengsten uit dividenden en resultaten uit indekkingsinstrumenten bedragen immers minder dan 2% van het totale bankproduct.
Het door cliënten belegd vermogen steeg met 1,3 miljard euro (+12%) tot ruim 12,4 miljard euro, waarvan 4,2 miljard euro cliëntendeposito's (+7%) en 8,2 miljard euro toevertrouwde activa (buitenbalansbeleggingen, +14%). De totale kredietpor-
Bank J.Van Breda & C° Antwerpen
Bank J.Van Breda & C° 's Gravenwezel
ABK bank - Gent
tefeuille bedroeg ruim 4,2 miljard euro, een stijging met 7% in vergelijking met 2015.
De waardeverminderingen op kredieten vertegenwoordigden 0,01% van de gemiddelde kredietportefeuille of 0,6 miljoen euro. Dit voorzichtige beleid heeft echter geenszins een rem gezet op de kredietproductie, zodat de kredietportefeuille groeide met 7%.
Vanuit haar voorzichtige aanpak zorgt Bank J.Van Breda & Co steeds voor een voldoende ruime liquiditeitspositie. De Liquidity Coverage Ratio (LCR) en Net Stable Funding Ratio (NSFR) bedroegen resp. 150% en 123%, ruim boven de vereiste ondergrens van 100%. De kredietportefeuille wordt volledig gefinancierd met cliëntendeposito's, zodat de bank niet afhankelijk is van externe financiering op de internationale markten.
Het eigen vermogen (deel groep) steeg van 502 miljoen euro naar 518 miljoen euro. Dit maakt het mogelijk het ritme van de commerciële groei verder te zetten zonder in te boeten op een sterke balansstructuur, de belangrijkste bescherming van de depositohouders. De solvabiliteit uitgedrukt als eigen vermogen op activa (hefboomratio) bedroeg 9,8%, een veelvoud van de 3% die de toezichthouder tegen ten vroegste 2018 wil invoeren onder Basel III.
In 2016 werd de lijn van gestage commerciële groei doorgetrokken. Dankzij een totale aangroei van 1,3 miljard euro (+12%) bedroeg het door cliënten belegd vermogen van ondernemers en vrije beroepen 12,1 miljard euro.
Ondanks de context van lage rentevergoedingen
groeiden de cliëntendeposito's met 294 miljoen euro (+8%) tot een totaal volume van 4 miljard euro. Gezien haar strategie van vermogensbegeleiding heeft Bank J.Van Breda & C° een belangrijk volume termijnrekeningen op lange termijn. Als gevolg van de lage rente noteerde de bank echter een grotere groei in deposito's op korte termijn in het afgelopen jaar.
De toevertrouwde activa groeiden met 1 miljard euro (+14%) tot 8,1 miljard euro. Hiervan is 4,7 miljard euro toevertrouwd aan Delen Private Bank in de vorm van vermogensbeheer.
Ondanks een onzekere economische context groeide het volume kredieten aan ondernemers en vrije beroepen met 288 miljoen euro (+8%) tot 3,8 miljard euro.
Bank J.Van Breda & C° en de curatoren van Optima Bank bereikten in 2016 een akkoord waarbij Bank J.Van Breda & C° de portefeuille aanvullen-
Bank J.Van Breda & C° - Antwerpen
Damesbobsleeteam Belgian Bullets
de pensioenverzekeringen bij de Belgische verzekeringsmaatschappijen Baloise Insurance en Ergo Insurance overnam. Als vermogensbegeleider voor ondernemers en vrije beroepen heeft Bank J.Van Breda & C° een doorgedreven expertise in aanvullende pensioenopbouw. Door de overname van deze verzekeringsportefeuille krijgt Bank J.Van Breda & C° toegang tot een bijkomend cliënteel. Het gaat om een portefeuille met ca. 6.600 contracten, samen goed voor ca. 140 miljoen euro opgebouwde reserves. Het betreft vnl. contracten pensioensparen en contracten van de zogenaamde 2e pijler: vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen, RIZIV-contracten voor medische vrije beroepen en individuele pensioentoezeggingen voor bedrijfsleiders. Dankzij de overname kunnen de polishouders voortaan een beroep doen op de diensten van Bank J.Van Breda & C°.
ABK bank begeleidt haar cliënten met een langetermijnvisie in de opbouw, het beheer en de bescherming van vermogen.
ABK bank presteerde sterk in 2016, zowel op commercieel als op operationeel vlak. Het aantal nieu-
www.bankvanbreda.be
Van links naar rechts: Dirk Wouters, Vic Pourbaix, Marc Wijnants
we relaties steeg verder, net zoals het gemiddeld toevertrouwd vermogen. Eind 2016 werd door de cliënten 344 miljoen euro vermogen toevertrouwd. Binnen de cliëntendeposito's was er nog een afvloei van niet-doelgroepcliënten, maar deze werd bijna volledig goedgemaakt door de toename van toevertrouwde activa van doelgroepcliënten. Deze stijging situeerde zich zowel bij het vermogensbeheer en de fondsen van Delen Private Bank als bij de beleggingsverzekeringen.
De kredietportefeuille daalde met 19,3 miljoen euro tot 124 miljoen euro. Deze daling is bijna volledig te wijten aan de daling van de kredieten in de ondernemingssfeer, wat sinds de overname niet langer de strategische focus is.
Met de opening van een kantoor in Gent werd een eerste stap van ABK bank buiten de provincie Antwerpen gezet. Dit is een bevestiging van de nationale ambities.
Als divisie van ABK bank is Van Breda Car Finance in heel België actief in de sector van de autofinanciering en de financiële autoleasing.
Het nieuwe productievolume steeg in 2016 met 12%, terwijl de portefeuille groeide met 8% tot 319 miljoen euro. Deze aanzienlijke toename is mee te danken aan de gunstige evolutie van de verkoop van nieuwe en tweedehandswagens op de Belgische markt. Door de verdere stijging van het aandeel financiële leasing in het totale productievolume bleef de rentemarge op peil. De toegenomen productievolumes zorgden voor stijgende fee-inkomsten. De impact hiervan werd evenwel grotendeels afgevlakt door de toegenomen commissies aan de autodealers. De operationele kosten daalden met 2%. De waardeverminderingen op kredieten bedroegen slechts 0,04% van de gemiddelde kredietportefeuille. Dit alles maakt dat Van Breda Car Finance ook in 2016 een sterk resultaat neergezet heeft.
De rentevolatiliteit, de verschillende Europese verkiezingen in uitdagende geopolitieke omstandigheden, de onzekerheid over het komende Amerikaanse beleid en een Europese context van fragiele groei, maken het moeilijk om winstvoorspellingen te doen.
De druk op de rentemarge, de bankenheffingen en de noodzakelijke investeringen in de toekomst drukken op het resultaat. Bank J.Van Breda & C° blijft echter goed gewapend voor de toekomst in elk van de 3 activiteitsdomeinen.
De afgelopen jaren heeft de bank bewezen om ook in moeilijke of onzekere omstandigheden een mooi resultaat neer te zetten. Het handelsfonds, de reputatie, de positionering, de voortdurende investeringen en de gezonde financiële structuur van de bank vormen alle een solide basis voor een financieel performante groei op lange termijn.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Bankproduct | 133.964 | 133.872 | 119.377 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 37.736 | 40.479 | 35.494 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 518.257 | 501.633 | 474.981 |
| Balanstotaal | 4.992.240 | 4.717.833 | 4.487.430 |
| Totaal belegd door cliënten | 12.448.468 | 11.134.393 | 10.018.353 |
| Kredietportefeuille | 4.223.318 | 3.932.237 | 3.639.208 |
| Waardevermindering op kredieten | 0,01% | 0,01% | 0,01% |
| Cost-income ratio | 59,4% | 55,6% | 59,7% |
| Return on equity | 7,4% | 8,3% | 7,7% |
| Core Tier1-kapitaalratio | 14,8% | 14,5% | 14,9% |
| Solvabiliteitsratio (RAR) | 15,8% | 15,9% | 16,8% |
| Personeel | 471 | 465 | 459 |
De verzekeringsgroep ASCO-BDM richt zich via makelaars voornamelijk op maritieme en industriële verzekeringen. BDM is een onderschrijvingsagent, die voor rekening van de verzekeraar ASCO en van een aantal belangrijke internationale verzekeraars risicodekkingen aanbiedt in nichemarkten. De doorgedreven samenwerking van BDM en ASCO binnen dezelfde groep verzekert BDM van een belangrijke onderschrijvingscapaciteit en biedt ASCO een krachtig commercieel instrument.
BDM kon zich in 2016 verder focussen op de commercialisering van nicheproducten in 'Property & Casualty' via de middelgrote verzekeringsmakelaars, ondersteund door de aanwerving van een Chief Commercial Officer en enkele technische specialisten. In Marine zorgden commerciële acties voor een verdere verhoging van het marktaandeel in Pleziervaart.
De 'Property & Casualty'-portefeuille groeide in 2016 met 3%. Een sterke groei in de nichetakken, zoals Engineering (+13%), werd enigszins getemperd door een bewuste vermindering van het aandeel op meer volatiele business.
De Marine-portefeuille kende opnieuw een afname, zij het veel minder uitgesproken dan in 2015. Dit was vooral het gevolg van het aflopen van de saneringen die in voorgaande jaren waren ingezet, maar tevens omwille van de daling van de grondstoffenprijzen en de zwakke markt in Cargo en Hull. Tegen eind 2016 was een voorzichtig herstel van het premievolume merkbaar.
De ASCO brutopremies stegen met 4% in 'Property & Casualty', maar daalden met 37% in Marine. Dit laatste is het gevolg van de doorgevoerde saneringsacties in dit deel van de portefeuille tijdens vorige jaren, maar zorgde tegelijk voor zeer goede technische resultaten in dit segment. Ondanks een tegenvallend technisch resultaat in Auto en zelfs na verrekening van het aandeel van ASCO in de terrorismepool (cf. de terroristische aanslagen van 22/3/2016), tekende ASCO eind 2016 het beste technische resultaat sedert jaren op.
Zeer goede beleggingsresultaten en goed gecontroleerde overheadkosten droegen bij tot een nettowinst van 1,1 miljoen euro, tegenover een nettowinst van 0,2 miljoen euro in 2015.
In 2017 beoogt de groep in 'Property & Casualty' haar commercieel netwerk met kleine en middelgrote verzekeringsmakelaars verder uit te bouwen. ASCO-BDM wil zich, meer dan ooit, dankzij rechtstreeks contact met de productspecialisten, profileren als partner voor verzekeringsmakelaars in die domeinen waar ze een specifieke expertise kan aanbieden.
www.bdmantwerp.be
BDM NV - Continentale Verzekeringen NV (ASCO NV)
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| ASCO | |||
| Brutopremies | 27.794 | 32.175 | 29.260 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 1.145 | 248 | 577 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 11.782 | 10.614 | 10.352 |
| BDM | |||
| Geïnde premies | 52.685 | 53.631 | 60.217 |
| Bedrijfsopbrengsten | 5.989 | 6.155 | 6.753 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 47 | 72 | 202 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 5.266 | 5.177 | 5.437 |
| Personeel (ASCO-BDM) | 50 | 55 | 68 |
www.ascocontinentale.be
Van links naar rechts: Bart Dewulf, Michel de Lophem, Wilfried Van Gompel, Hugo De Cupere, Sofie Lins, Luc De Backer, Jos Gielen
70 Partners for Sustainable Growth
Alle deelnemingen in Real Estate & Senior Care dragen bij tot het significante resultaat van dit segment. Extensa boekt goede vooruitgang op Cloche d'Or (Luxemburg) en Tour & Taxis (Brussel), waar ze een akkoord sloot over de verkoop van het Herman Teirlinck-gebouw.
Leasinvest Real Estate - Frun® retailpark Asten - Oostenrijk
Extensa is een vastgoedontwikkelaar met focus op residentiële en gemengde projecten in België en het Groothertogdom Luxemburg.
Het beursgenoteerde LRE beheert vastgoed in retail, kantoren en logistieke gebouwen in het Groothertogdom Luxemburg, België, Zwitserland en Oostenrijk.
Anima Care focust op het hogere marktsegment van seniorenhuisvesting en -zorg in België.
HPA is actief in de seniorenhuisvesting in Frankrijk en overkoepelt de activiteiten van Residalya (exploitatie) en Patrimoine & Santé (vastgoed).
Bijdrage tot het geconsolideerd nettoresultaat AvH
| (€ miljoen) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Extensa | 30,4 | 31,0 | 3,4 |
| Leasinvest Real Estate | 10,1 | 9,9 | 10,3 |
| Anima Care | 3,6 | 1,1 | 0,5 |
| HPA | 2,1 | 1,6 | - |
| Holding Groupe Duval | - | -8,0 | 0,5 |
| Totaal | 46,2 | 35,6 | 14,7 |
100%
Extensa is een vastgoedontwikkelaar met focus op residentiële en gemengde projecten in België en het Groothertogdom Luxemburg.
Het nettoresultaat van Extensa Group over het boekjaar 2016 - exclusief de bijdrage tot het resultaat van LRE - bedroeg 30,4 miljoen euro, tegenover 31,0 miljoen euro in 2015 (exclusief de herwaarderingsmeerwaarde van 23,5 miljoen euro op jaareinde 2015 op het verwerven van de controle van Tour & Taxis).
De nettobijdrage van het Tour & Taxis-project bedroeg 27,1 miljoen euro en vloeit voort uit de verhuur en beheer van eigendommen (zoals de Sheds, Hôtel de la Poste, parkings, evenementen) en het boeken van een gedeeltelijk resultaat (volgens 'percentage of completion') van de marge op het Herman Teirlinck-gebouw en de residentie Gloria. In Luxemburg bedroeg de bijdrage van de residenties en twee kantoorprojecten in Cloche d'Or 11,7 miljoen euro.
Het balanstotaal steeg van 559 miljoen euro eind 2015 tot 654 miljoen euro op het einde van 2016. Dit valt grotendeels te verklaren door de lopende bouwprojecten. Het eigen vermogen steeg over deze periode van 205 miljoen euro tot 242 miljoen euro.
De procedure voor het uitwerken van een speciaal bestemmingsplan voor de Tour & Taxis-site in Brussel werd ingeleid in 2015 en werd door de Stad Brussel goedgekeurd in december 2016. Na goedkeuring door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest begin 2017, kan het planningsproces van de site eindelijk voltooid worden.
De bouwwerken aan het Herman Teirlinck-kantoorgebouw (bruto 48.096 m²) zijn begonnen in april 2015 en zullen in het tweede kwartaal van 2017 worden voltooid. Dit bijzonder energieperformante gebouw werd voorverhuurd aan de Vlaamse Gemeenschap en wordt het nieuwe Vlaams Administratief Centrum in Brussel. Zoals voorzien, nam Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV) een belang van 49% in de projectmaatschappij in 2015. Vervolgens bereikte Extensa einde 2016 een overeenkomst omtrent de verkoop van de projectvennootschap aan verzekeraar Baloise. De bijdrage van beide transacties wordt geboekt volgens 'percentage of completion' van het gebouw en bedroeg 20,2 miljoen euro in 2016. De opbrengsten zullen Extensa in staat stellen om het restant van het overbruggingskrediet van 75 miljoen euro, dat het begin 2015 was aangegaan om het belang van 50% in Tour & Taxis te verkrijgen, terug te betalen.
De 115 appartementen van de residentie Gloria, het eerste appartementsgebouw op de Tour & Taxis-site, worden volledig opgeleverd in het eerste kwartaal van 2017. Bijna alle wooneenheden waren eind 2016 verkocht. Voor de rest van deze residentiële buurt, aan weerszijden van een nieuwe laan met bomenrijen, werd een aanvraag voor een bouwvergunning ingediend in het vierde kwartaal van 2016. Ze omvat een ouderenzorgcentrum, serviceflats en 350 appartementen, allen ontworpen door de architecten AWG, Sergison Bates en noA. De bouwvergunning kan onmiddellijk goedgekeurd worden nadat het speciale bestemmingsplan definitief is geworden. De bouwwerken moeten derhalve in 2017 van start kunnen gaan.
In mei 2016 verwierf Extensa het Hôtel des Douanes van Sopima (Belgische federale staat). Dit vroegere kantoorgebouw van de douaneautoriteiten met een (bruto-)oppervlakte van 8.872 m² heeft een strategische ligging aan de zuidelijke hoek van de Tour & Taxis-site. Het staat tegenover de Picardbrug, die gebouwd zal worden vanaf het tweede kwartaal van 2017. Eind 2016 centraliseerde Publicis One haar Belgische activiteiten in dit gebouw in afwachting van haar permanente verhuizing naar de 'Gare Maritime' eind 2018.
De renovatie van de bestaande structuur van de 'Gare Maritime' is gestart en zal eind 2017 voltooid zijn. Dit vroegere goederenstation (40.000 m²) wordt het nieuwe middelpunt van de Tour & Taxis-site, en combineert werkruimte, themawinkels en verkooppunten van voedingsmiddelen en dranken. Enkele van de omliggende gebouwen (de Quai, 'De Gevaarlijke Producten') werden ook gerenoveerd en worden vooral gebruikt voor evenementen.
Op het terrein dat aan de toekomstige Picardbrug grenst, voorziet Extensa een appartementsgebouw met 138 wooneenheden. Het begin van de verkoop en de bouw worden verwacht in de eerste helft van 2017.
In het kader van het Cloche d'Or-project heeft Grossfeld PAP (Extensa 50%) aankoopopties op zeer goed gelegen terreinen in het zuiden van de stad Luxemburg. De grote verkeersassen die het gebied structureren zijn momenteel in aanbouw door de stad Luxemburg en de Luxemburgse staat.
De verkoop op plan van de appartementen begon in oktober 2014. Eind 2016 waren er 567 wooneenheden verkocht. De bouwwerken voor fases 1, 2 en 3 zijn van start gegaan. De verkoop van fase 4 begon in het eerste kwartaal van 2017.
Ook de bouwwerken voor de hoofdkantoren van Alter Domus (10.500 m²) en Deloitte Luxembourg (30.000 m²) zijn opgestart. De oplevering is voorzien voor het derde kwartaal van 2018.
Op het perceel dat in 2014 verkocht werd, bouwt Auchan Group nu een regionaal winkelcentrum, dat in 2019 zijn deuren zal openen. Dit zal de aantrekkingskracht van de site voor bewoners en zakelijke klanten verder versterken.
Tour & Taxis - Brussel
In het binnenstedelijke project 'De Munt' in Roeselare (Extensa 50%) werd de vierde en laatste fase van de 145 appartementen opgeleverd. Enkele appartementen zijn nog steeds te koop. In 2016 werd een City Delhaize-supermarkt geopend, die het bestaande winkelaanbod binnen het project vervolledigt.
Verscheidene nieuwbouwprojecten doorlopen de administratieve procedures om uitvoerbare vergunningen te verkrijgen. In Vlaanderen worden projecten in Edegem, Schilde, Wuustwezel, Kapellen, Brasschaat en Leuven onderzocht. Het Groeninge-project in Kontich (651 huizen en appartementen) boekte aanzienlijke vooruitgang in de planningsprocedure. In Wallonië ziet de uitkomst voor de projecten in Waver, Terhulpen en Tubeke er gunstig uit.
In Trnava, Slowakije, consolideerde Top Development (Extensa 50%) haar retailpark (7.789 m²) met de toevoeging van een tankstation. Verdere ontwikkelingen op de beschikbare gronden worden onderzocht.
Gezien de marktomstandigheden werd geen specifieke vooruitgang geboekt in de ontwikkeling van de Roemeense grondposities.
De controle werd verworven over een nieuwe grondpositie in de buurt rond het Topkapipaleis (Zeytinburnu) in Istanboel (Turkije) met het oog op een ontwikkeling van ongeveer 250 appartementen (waarvan 147 units voor Extensa).
Begin 2016 bleven naast de erfgoedgebouwen op de Tour & Taxis-site maar vier andere verhuurde gebouwen in portefeuille, met een totale boekwaarde van 12 miljoen euro. Deze worden actief beheerd.
De ontwikkelingen van Extensa op Tour & Taxis en bij Cloche d'Or zullen ook in 2017 en de daaropvolgende jaren de resultaten van Extensa ondersteunen.
Van links naar rechts: Filip Dumalin, Laurent Jacquemart, Kris Verhellen, Peter De Durpel, Ward Van Gorp
| (€ miljoen) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Balans | |||
| Leasinvest Real Estate (LRE)(1) | 104,3 | 106,1 | 98,4 |
| Tour & Taxis | 359,8 | 240,0 | 52,8 |
| Cloche d'Or | 80,3 | 91,1 | 100,2 |
| Andere posities | 58,3 | 58,2 | 59,8 |
| Cash & equivalent | 32,9 | 38,3 | 11,5 |
| Andere activa | 18,2 | 25,4 | 8,4 |
| Totaal actief | 653,8 | 559,1 | 331,3 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 242,4 | 205,2 | 135,3 |
| Minderheidsbelangen | 5,7 | 8,4 | 2,2 |
| Financiële schuld(2) | 293,0 | 266,1 | 166,2 |
| Andere passiva | 112,7 | 79,4 | 27,6 |
| Totaal passief | 653,8 | 559,1 | 331,3 |
(1) Aantal aandelen 1.444.754 (29,3%); aandelen via AvH: 37.211
(2) Netto financiële schuld: € 260,1 mio (2016), € 227,9 mio (2015), € 154,7 mio (2014)
Leasinvest Real Estate (LRE) is een openbare gereglementeerde vastgoedvennootschap en focust op retail en kantoren in vier landen (Groothertogdom Luxemburg, België, Oostenrijk en Zwitserland).
De economische conjunctuur evolueerde in 2016 zeer goed in het Groothertogdom Luxemburg en relatief goed in België. In Zwitserland was er een vermindering van de binnenlandse consumptie als gevolg van de versteviging van de Zwitserse frank t.o.v. de euro begin 2015. Met de diversificatie naar Luxemburg (sinds 2006), Zwitserland (eind 2014) en Oostenrijk (eind 2016) ontwikkelt LRE zich buiten België naar landen met een AAA-rating, een gezonde economie met weinig werkloosheid en een hoog BNP per capita, die een gestage groei kennen.
In het Groothertogdom Luxemburg, waar LRE één van de belangrijkste buitenlandse vastgoedinvesteerders is, werd in 2016 na het recordjaar in 2015 voor 35% minder verhuringen van kantoren gerealiseerd, maar bleef retail vergelijkbaar met 2015. In België noteerde de kantorenmarkt een opmerkelijke verbetering van de verhuurvolumes met 50% meer dan in 2015. De huurprijzen bleven op hetzelfde niveau en de leegstand daalde tot 9%. Het verhuurvolume in de retailmarkt evolueerde daarentegen positief met een stijging van 10%. De verhuurmarkt in retail in Zwitserland was stabiel.
De verwerving van het Frun-retailpark te Asten in Oostenrijk betekent de aanwezigheid in een vierde land voor Leasinvest Real Estate. De financiële impact hiervan zal maar ten volle gevoeld worden in 2017. Deze transactie ligt in lijn met de strategische heroriëntering naar meer retail en minder kantoren en naar een geografische diversificatie over 4 landen.
Eind 2016 bedroeg de reële waarde ('fair value') van de geconsolideerde vastgoedportefeuille, inclusief de projectontwikkelingen, 859,9 miljoen euro (tegenover 869,4 miljoen euro per 31.12.15). De daling met 1% is voornamelijk het gevolg van de belangrijke verkoop van Royal20. De globale vastgoedportefeuille bestaat uit 48% retail (2015: 42%), 37% kantoren (2015: 42%), en 15% logistieke ruimten (2015: 16%). Er zijn 15 sites in Luxemburg (49% op basis van de reële waarde van de portefeuille), 13 sites in België (42%), 3 sites in Zwitserland (5%) en 1 site in Oostenrijk (4%).
De huuropbrengsten stegen in 2016 met 12% tot 56,6 miljoen euro. Dit recordresultaat is te danken aan de acquisitie van het kantoorgebouw Koninklijk Pakhuis op de Tour & Taxis-site in Brussel eind 2015. De gemiddelde looptijd van de portefeuille zakte van 4,8 jaar naar 4,4 jaar, voornamelijk als gevolg van het tijdelijk vertrek van de huurder van het Montoyer 63 kantoorgebouw tot na de renovatie. De bezettingsgraad is gestegen tot 96,77% (2015: 95,80%). Het huurrendement op de reële waarde is nagenoeg stabiel gebleven in vergelijking met vorig boekjaar (2016: 6,78%, 2015: 6,88%).
Op het jaareinde 2016 bedroeg het eigen vermogen (deel groep) 356 miljoen euro (2015: 362 miljoen euro). Het geherwaardeerde netto-actief bedroeg 72,2 euro per aandeel op basis van de reële waarde van het vastgoed (73,4 euro per 31.12.15) en 75,6 euro (76,9 euro per 31.12.15) op basis van de investeringswaarde. De financiële schulden stegen licht tot 541 miljoen euro (532 miljoen euro per 31.12.15). De schuldgraad (berekend volgens K.B. 12.05.14) is gelijk gebleven op 58%. Het balanstotaal bedroeg 988 miljoen euro op het einde van het boekjaar (2015: 976 miljoen euro).
LRE sloot haar boekjaar 2016 zoals verwacht af met een hoger nettoresultaat (deel groep) van 31,1 miljoen euro (30,6 miljoen euro per 31.12.15), hetzij 6,30 euro per aandeel (6,20 euro per 31.12.15). De EPRA-winst steeg met 9% tot 27,9 miljoen euro.
Knauf shopping center - Luxemburg
De koers van het LRE-aandeel schommelde in 2016 tussen 90,20 euro en 114,00 euro. De slotkoers op het einde van het jaar bedroeg 105,50 euro. Het brutodividend per aandeel over het boekjaar 2016 zal 4,90 euro bedragen, wat een bruto dividendrendement (op basis van de slotkoers) oplevert van 4,6% (boekjaar 2015: 5,05%).
LRE: Vastgoedportefeuille (% op basis van de reële waarde)
Frun® retailpark Asten - Oostenrijk
Royal20 - Luxemburg
Begin januari werd de afbraak- en bouwvergunning voor het kantoorgebouw Treesquare, gelegen op de Square de Meeûs te Brussel, ontvangen. De afbraak- en constructiewerken werden opgestart en de voorlopige oplevering wordt verwacht tegen eind 2017.
Eind maart werd Leasinvest Real Estate opgenomen in de BelMid index van Euronext Brussel.
Eind april werd een vruchtgebruikovereenkomst afgesloten met het Europees Parlement, de zittende huurder van het kantoorgebouw Montoyer 63 in Brussel voor een vaste en onherroepelijke termijn van 21 jaar. Het gebouw zal worden herontwikkeld en werd eind november vrijgemaakt.
Midden juni werd de verkoopakte voor het gebouw Zeutestraat te Mechelen verleden, waardoor het pand verkocht werd aan een eindgebruiker voor 4,5 miljoen euro.
Eind juni werd, volgens de vooropgestelde planning, de tweede notariële akte verleden betreffende de verkoop op termijn van het opgeleverde kantoorgebouw Royal20 gelegen in de stad Luxemburg. Dit werd voor een bedrag van 62,5 miljoen euro (exclusief BTW) verkocht aan een privé-investeerder.
In september werden de verbouwingswerken van de eerste fase in het Retail Park Strassen (Luxemburg) gestart. Deze zullen beëindigd worden eind juni 2017. De zittende huurders hebben hun huurcontracten verlengd.
Eveneens in september werd voor de helft van de kantoorruimte in het Ragheno Park te Mechelen een verlenging met de bestaande huurder getekend. Een deel van de resterende kantooroppervlakte zal ingericht worden tot een business center. Voor het andere deel zullen nieuwe huurders worden gezocht.
Montoyer 63 - Brussel (artist impression - © SVR-ARCHITECTS)
Begin november werd de acquisitie van het Frun Park Asten (Oostenrijk) tegen een reële waarde van 38 miljoen euro gerealiseerd. Dit betekent de eerste investering in een vierde land voor LRE.
Gedurende 2016 werden verschillende verhuringen gerealiseerd in Luxemburg, België en Zwitserland.
Na de goede resultaten van 2016 verwacht de vennootschap voor 2017 een EPRA-winst in lijn met de daaraan voorafgaande jaren. Bijgevolg verwacht de vennootschap het dividend over 2017 op hetzelfde niveau te behouden.
www.leasinvest.be
Leasinvest Real Estate Comm. VA
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Nettoresultaat (deel groep) | 31.118 | 30.618 | 32.572 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 356.407 | 362.405 | 336.410 |
| Vastgoedportefeuille (reële waarde) | 859.931 | 869.361 | 756.327 |
| Huurrendement (%) | 6,78 | 6,88 | 7,23 |
| Bezettingsgraad (%) | 96,77 | 95,80 | 96,24 |
| Per aandeel (in €): | |||
| Netto-actief waarde | 72,20 | 73,40 | 68,10 |
| Slotkoers | 105,50 | 93,09 | 91,61 |
| Brutodividend | 4,90 | 4,70 | 4,55 |
Van links naar rechts: Jean-Louis Appelmans, Michel Van Geyte
93%
Anima Care legt zich toe op de zorg- en gezondheidssector in België en focust op het hogere marktsegment van de seniorenhuisvesting en -zorg. In de residentiële ouderenzorg investeert Anima Care zowel in de uitbating als in het vastgoed.
Anima Care kiest resoluut voor kwaliteit. Zij combineert een aangename leefomgeving met een kwaliteitsvolle dienstverlening. Anima Care besteedt veel aandacht aan de constante verbetering van haar werkmethodes en van de operationele systemen en aan de selectie, begeleiding en ontwikkeling van haar medewerkers die de kwaliteitsvisie en de waarden van Anima Care dag na dag omzetten in de praktijk.
Anima Care exploiteert per 31 december 2016 1.347 rusthuisbedden, 77 bedden herstelverblijf en 197 assistentiewoningen, verspreid over 14 zorgcentra (7 in Vlaanderen, 3 in Brussel, 4 in Wallonië).
Anima Care realiseerde in 2016 een omzet van 56,4 miljoen euro. De omzetstijging met 9,4 miljoen euro t.o.v. 2015 is voornamelijk te danken aan de uitbreiding van de portefeuille. Het nieuwbouwproject Aquamarijn te Kasterlee werd eind maart 2015 in gebruik genomen en droeg in 2016 voor een vol jaar bij tot het resultaat.
De overnames van Le Birmingham en Duneroze, samen goed voor 260 bedden, werden vanaf het laatste kwartaal van 2016 opgenomen, met evenwel nog maar een beperkte impact op het resultaat.
Aquamarijn - Kasterlee
De 4 nieuwbouwprojecten, die in de periode 2013- 2015 in gebruik werden genomen, komen op kruissnelheid. Dit vertaalde zich in 2016 in een significante toename van de EBITDAR tot 14,0 miljoen euro (2015: 9,3 miljoen euro) en van de winst tot 3,9 miljoen euro (2015: 1,1 miljoen euro).
Het eigen vermogen van de groep is gestegen van 40,0 miljoen euro per eind 2015 tot 46,6 miljoen euro per eind 2016. In 2016 werd het kapitaal voor 2,5 miljoen euro bijkomend volgestort. Eind 2016 blijft er nog 6,7 miljoen euro aan kapitaal te volstorten.
De netto financiële schulden namen toe van 69,2 miljoen euro per 31.12.2015 naar 72,7 miljoen euro per 31.12.2016. De toename van de nettoschuldpositie is voornamelijk toe te schrijven aan de financiering van de overname van de uitbating en de gebouwen van Duneroze. De overnames van Duneroze en Le Birmingham verklaren in gro-
Blegny (artist impression)
te mate de stijging van het balanstotaal van 140,2 miljoen euro per eind 2015 tot 151,9 miljoen euro per eind 2016.
In het voorjaar van 2016 startte Anima Care de bouw van 22 assistentiewoningen te Blegny. Deze worden gebouwd naast het zorgcentrum dat in oktober 2013 in gebruik werd genomen. Ze zullen in het tweede trimester van 2017 worden opgeleverd.
In november 2016 nam Anima Care Le Birmingham te Sint-Jans-Molenbeek en Duneroze te Wenduine over. Le Birmingham telt 60 rusthuisbedden. Duneroze heeft 160 rusthuisbedden en 40 bedden herstelverblijf in uitbating.
Eind 2016 werd een contract getekend voor de overname van de 3 Brusselse rusthuizen van Valmont Santé Belgium, die samen 167 rusthuisbedden uitbaten. De overname is gepland voor eind maart 2017.
Verschillende bouwprojecten, o.a. te Aalst, te Zoutleeuw en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, en verbouwingswerken, te Berlare en Awans, zijn in voorbereiding.
In 2017 zal sterk worden ingezet op de integratie en de verbetering van de operationele werking van de recente acquisities. In het voorjaar zal gestart worden met de uitbreidingsnieuwbouw met 30 bedden te Aalst en zal ook de renovatie van 52 kamers te Berlare worden aangevat. De overname van activiteiten van Valmont Santé Belgium omvat ook een nieuwbouwproject te Vorst. De bouwvergunning werd reeds afgeleverd en de bouwwerken zullen in de loop van 2017 worden aangevat. Afhankelijk van het bekomen van de nodige vergunningen, zullen ook de bouwwerven van de overige bouwprojecten die in voorbereiding zijn, worden opgestart.
Anima Care zal blijven investeren in haar groei via overnames, de ontwikkeling van nieuwe zorgcentra, de uitbreiding van bestaande zorgcentra en de verruiming van haar dienstenpakket. De groei van de activiteiten, de kwaliteitsvolle dienstverlening en de verbetering van de operationele werking vormen de fundamenten voor een verdere verbetering van de toekomstige winstgevendheid. Anima Care is met haar 100% Belgische verankering en haar strategie naar optimale zorgverstrekking gecombineerd met investeringen in kwalitatief vastgoed een unieke speler in de Belgische markt.
www.animacare.be
Van links naar rechts: Olivier Fassin, Jeroen Versnick, Ingrid Van de Maele, Peter Rasschaert, Johan Crijns, Luc Devolder
Anima Care NV
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 56.438 | 46.981 | 37.927 |
| EBITDA | 13.094 | 8.890 | 5.388 |
| EBIT | 8.392 | 4.539 | 2.423 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 3.939 | 1.075 | 463 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 46.645 | 40.039 | 35.744 |
| Netto financiële positie | -72.705 | -69.242 | -60.232 |
| Balanstotaal | 151.902 | 140.180 | 121.957 |
| Personeel | 1.119 | 824 | 659 |
Duneroze - Wenduine
Aquamarijn Kasterlee
De groep HPA omvat Residalya, dat rusthuizen exploiteert in Frankrijk, en Patrimoine & Santé, de eigenaar van de meeste van deze residenties. Residalya is gespecialiseerd in de opvang en verzorging van afhankelijke ouderen en toont daarbij bijzondere aandacht voor de menselijke relaties tussen bewoners en personeel.
Conform de akkoorden die daarover met Eric Duval waren gesloten, verminderde AvH haar participatie in Holding Groupe Duval van 37,8% (per einde 2015) tot 21,8% door deze om te zetten in een bijkomende deelneming van 25% in de vastgoedvennootschap Patrimoine & Santé (van 22,5% per eind 2015 tot 47,5%). Vervolgens werden de belangen van AvH, CEO Hervé Hardy en andere managementleden in Residalya en Patrimoine & Santé ingebracht in een nieuwe structuur HPA, waarvan AvH 70,9% bezit. HPA is op haar beurt eigenaar van 100% van de Franse rusthuisoperator Residalya en voor 73,7% (eind 2016) van Patrimoine & Santé dat eigenaar is van het vastgoed van het merendeel van de residenties dat door Residalya wordt geëxploiteerd. Begin 2017 werden de laatste 21,8% die AvH nog aanhield in Holding Groupe Duval omgeruild tegen aandelen Patrimoine & Santé. Deze aandelen zullen in 2017 worden ingebracht bij HPA, wiens participatie in Patrimoine & Santé daardoor zal stijgen tot 100%.
Op organisatorisch vlak werd HPA, een vennootschap naar Belgisch recht, opgericht als overkoepelende holding die alle activiteiten van Residalya (exploitatie) en Patrimoine & Santé (vastgoed) leidt. De eerste fase in deze juridische herstructurering werd in juni 2016 doorgevoerd toen de verschillende aandeelhouders overgingen tot de formele inbreng van effecten in deze holding. Na deze eerste fase werden met vier bankinstellingen en twee investeerders bilaterale contracten in de vorm van een 'Euro PP' ondertekend. Het doel was enerzijds om een aantal bestaande schulden voor een lagere kostprijs te herfinancieren - waardoor de terugbetalingskosten daalden - en anderzijds om een aparte kredietlijn te openen voor de ontwikkelingsactiviteiten.
HPA heeft in 2016 een omzet gerealiseerd van 105,6 miljoen euro, tegenover 91,6 miljoen euro in 2015 (enkel Residalya), een EBITDAR van 23,3 miljoen euro en een nettoresultaat van 2,9 miljoen euro. Deze omzetstijging is te danken aan een hogere bezettingsgraad (98,4%) en de uitbreiding van de portefeuille.
Residalya zette in 2016 de uitbouw van haar activiteiten voort. Sinds januari 2016 is het netwerk uitgebreid met La Demeure du Bois Ardent in Saint-Lô (76 bedden) en La Résidence Ambroise Paré (Residalya 60%) in Lyon (88 bedden).
In juli 2016 ging HPA over tot de volledige integratie van SCI Cigma du Tertre, eigenaar van het gebouwencomplex waarin een woonzorgcentrum met 60 bedden (Le Cigma de Laval) en een bedrijfskinderdagverblijf met 50 bedjes (Crèche du Tertre) worden uitgebaat. Ondertussen werden deze twee centra ook geïntegreerd in het netwerk van Residalya.
Het Residalya-netwerk slaagde erin om in 2016 een constant activiteitsniveau aan te houden. Tijdens het volledige boekjaar 2016 bedroeg de bezettingsgraad van de geconsolideerde centra 98,4% tegenover 95,8% in 2015. De gemiddelde huurprijs, een belangrijk element van de omzet, ging ook dit jaar gestaag omhoog. De huurprijs ligt in
CIGMA de Laval 30. Le Clos Saint-Vincent 31. Résidence Valois
Les Portes du Jardin 28. La Lande Saint-Martin
Les Portes de NiTmes 19. Les Cinq Sens 20. Le Clos Caychac 21. Résidence Aloha 22. Le Mont des Landes 23. La Chenaie 24. Le Jardin des Loges 25. Les Jardins de Saintonge
de lijn van de prijzen van concurrerende centra in de omgeving.
Residalya zet haar renovatieprogramma's (La Lande St Martin, Garons) voort, net als de projecten om de centra beter uit te rusten. Deze investeringen zijn noodzakelijk om de onderneming in staat te stellen het verschil te maken met de concurrentie. In de zomer van 2016 gingen de uitbreidingswerkzaamheden in de residentie Granvelle van start. De capaciteit van het woonzorgcentrum wordt uitgebreid van 84 tot 99 bedden en met 25 serviceflats.
Résidence Valois
Les Jardins de Saintongne Le Rivage
De oplevering wordt verwacht in 2018. Het zal de eerste residentie zijn die deels als woonzorgcentrum en deels als complex met serviceflats zal worden uitgebaat. Deze configuratie biedt de mogelijkheid om tegemoet te komen aan de specifieke behoeften van bepaalde bewoners die weliswaar niet in een medische instelling verblijven, maar zich toch veiliger voelen in een centrum dat aan hun hoge leeftijd is aangepast.
In het kader van de verdere ontwikkeling op basis van een gemengd model, met combinaties van woonzorgcentra en serviceflats, worden verscheidene plannen bestudeerd. Het betreft Le Taillan Médoc in Gironde, La Tour de Salvagny in de Rhône en Oyonnax in Ain. Deze nieuwe projecten zullen in de komende maanden verder worden uitgewerkt. De opening van de nieuwe centra wordt verwacht tussen 2019 en 2020.
Op 31 december 2016 beheerde Residalya 32 residenties verspreid over Frankrijk, met in totaal 2.439 bedden.
HPA heeft ook initiatieven genomen om haar netwerk d.m.v. acquisities uit te breiden. In 2016 werden al twee projecten op de rails gezet die in
januari 2017 werden afgerond: de residentie Pyla sur Mer (60 bedden, uit te breiden tot 83 bedden in de komende jaren door de transfer van bedden) en de residentie Villa Thalia (95 bedden). Beide projecten stellen HPA in staat om niet alleen de exploitatieactiviteit en de gebouwen te verwerven, maar ook om renovatie- of zelfs uitbreidingswerkzaamheden te plannen waardoor een verhoging van de gemiddelde huurprijs in de toekomst tot de mogelijkheden behoort.
www.residalya.fr
Van links naar rechts: Christophe Fabre, Marie-José Le Roy Raynal, Hervé Hardy, Frédéric Hoepffner
| (€ 1.000) | 2016(1) | 2015(2) | 2014(2) |
|---|---|---|---|
| Omzet | 105.578 | 91.576 | 80.819 |
| EBITDA | 20.169 | 6.369 | 5.379 |
| EBIT | 3.703 | 2.868 | 2.280 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 2.936 | 1.875 | 1.454 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 61.062 | 25.604 | 23.729 |
| Netto financiële positie | -182.297 | -22.238 | -23.268 |
| Balanstotaal | 337.224 | 96.267 | 83.754 |
| Personeel | 1.547 | 1.445 | 1.322 |
(1) Inclusief Patrimoine & Santé (2) Exclusief Patrimoine & Santé
Sipef verdubbelt haar resultaat in 2016, dankzij de combinatie van een stijgende productie van palmolie en van stijgende marktprijzen. Sipef zet belangrijke stappen in de uitbreiding van haar plantages.
Sipef - Cibuni-theeplantage met op de voorgrond een detail van de jonge scheuten
Sipef is een agro-industriële groep gespecialiseerd in tropische landbouw, met plantages voor palmolie, rubber en thee in het Verre Oosten.
NMP realiseert en beheert pijpleidingen voor het vervoer van industriële gassen en van producten voor de petrochemische industrie.
Het beursgenoteerde Indische bedrijf Sagar Cements produceert een ruim assortiment van cement.
CEMENTS
OQM ontgint en produceert aggregaten in India, zowel bestemd voor de wegenbouw als voor de productie van beton.
ORIENTAL
| (€ miljoen) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Sipef | 10,0 | 4,6 | 9,9(1) |
| Nationale Maatschappij der Pijpleidingen | 1,9 | 1,6 | 1,7 |
| Sagar Cements | 0,4 | 1,2 | 6,0 |
| Oriental Quarries & Mines | -3,1 | 0,0 | 0,3 |
| Totaal | 9,2 | 7,4 | 18,0 |
(1) Herzien n.a.v. IAS41R
Sipef is een Belgische beursgenoteerde plantagegroep die zich toelegt op duurzame tropische landbouw (60.637 ha oliepalmen, 6.325 ha rubber) in Indonesië en Papoea-Nieuw-Guinea.
De kernactiviteiten van de groep bevinden zich historisch op het eiland Sumatra in Indonesië, waar gespreid over diverse locaties een totaal van 47.016 hectaren aangeplant zijn met oliepalmen en 6.325 hectaren met rubberbomen, ondersteund door 5 palmolie extractie-fabrieken en 3 rubberfabrieken. In het gebergte nabij Bandung op het eiland Java bevindt zich Cibuni, een hoogwaardige theeplantage met 1.743 beplante hectaren en een bijhorende fabriek voor de productie van zwarte thee. De Indonesische activiteiten zijn veruit het belangrijkst voor de groep en vertegenwoordigen 58,4% van de brutobedrijfswinst.
Sinds de jaren '70 werd ook een tweede, weliswaar kleinere plantageactiviteit ontwikkeld in Papoea-Nieuw-Guinea. De oliepalmplantages werden gestaag uitgebreid tot een vestiging met 13.621 hectaren oliepalmen en 3 fabrieken, terwijl de rubberactiviteiten door een gebrek aan rendabiliteit in 2016 werden verkocht. Door de verwerking van de oogsten van ongeveer eenzelfde oppervlakte oliepalmen behorend aan omliggende boeren, staan de palmolieactiviteiten in Papoea-Nieuw-Guinea in voor 35,4% van de brutobedrijfswinst.
De focus van het bedrijf ligt dus volledig op Zuid-Oost-Azië. Van de historisch belangrijkere belangen in Afrikaanse landbouwondernemingen zijn enkel nog de rendabele productie van bananen en tropische bloemen in Ivoorkust voor de Europese exportmarkt behouden, op een totale oppervlakte van 732 beplante hectaren, die 4,8% van de brutobedrijfswinst van 2016 vertegenwoordigden.
Sipef kende operationeel een goed jaar, waarbij een sterk stijgend palmolievolume in het vierde trimester de relatief moeilijke productieomstandigheden eerder in het jaar kon compenseren. Door stabiele kostprijzen en naar het einde van het jaar toe stijgende verkoopprijzen voor palmolie en rubber, steeg de jaaromzet van de groep met 18,2% en de brutobedrijfswinst met 69,1%. Hierdoor bedroeg het bedrijfsresultaat 47,5 miljoen USD tegenover 21,4 miljoen USD vorig jaar.
Aangezien de langetermijninvesteringen in de landbouwsector traditioneel worden gefinancierd vanuit het eigen vermogen van de onderneming, zijn de financiële kosten zeer beperkt. Na een effectieve belastinglast van 26,9% bleef er een netto IFRSresultaat (deel groep) over van 39,9 miljoen USD. Dit is meer dan een verdubbeling van het resultaat van 18,7 miljoen USD in 2015.
Vooral in het tweede en derde trimester van het jaar ondervonden de palmolieactiviteiten de uitgestelde droogte-effecten van het in 2015 heersende El Niño weersfenomeen. Een uitzonderlijk productief vierde trimester zorgde echter voor een omkering van de trend, zodat het jaar alsnog werd afgesloten met een 2,3% algemene productiestijging voor de groep. De relatief jonge aanplanten in het palmolieproject UMW/TUM in Noord-Sumatra (+33,9%) en deze van Hargy Oil Palms in Papoea-Nieuw-Guinea (+7,9%) leden duidelijk minder onder de droogte dan de meer mature aanplanten elders in Noord-Sumatra (-7,7%) en in Agro Muko in Bengkulu (-2,0%). Ook de oudere aanplanten van omliggende boeren in Papoea-Nieuw-Guinea hadden een langere herstelperiode nodig (-2,1%).
Productie (in ton)(1) en beplante oppervlakten (in hectare)
(1) Eigen + uitbesteed
De jaarlijks door de lokale overheden opgelegde verhogingen van de werknemersvergoedingen werden in belangrijke mate gecompenseerd door lagere prijzen voor meststoffen en brandstof, en dankzij de blijvende verzwakking van de lokale munten tegenover de USD, bleef de in USD uitgedrukte productiekostprijzen dan ook goed onder controle.
De palmoliemarkten negeerden in eerste instantie volledig de signalen van de door El Niño verwachte lagere palmolieproductie en record oogsten van sojabonen in Zuid-Amerika ondersteunden deze negatieve prijstendens. Het was pas in het derde trimester dat de industrie de volle impact besefte van een reductie van 6 miljoen ton van het jaarvolume van de twee hoofdproducenten Indonesië en Maleisië. Dergelijke daling was nog niet eerder voorgekomen en door de lage voorraden werden vooral de kortetermijnposities naar prijshoogtes gedreven. Het jaar werd dan ook afgesloten op een waarde van 765 USD per ton CIF Rotterdam.
Ondanks de verkoop van de verlieslatende rubberplantages in Papoea-Nieuw-Guinea en een stijging van de volumes met 3% in Indonesië, bleef de bijdrage van de rubberactiviteiten aan de brutobedrijfswinst licht negatief. De aanhoudend lager
4
Een team van ervaren theeplukkers, aan het werk op de Cibuni-theeplantage
Vers geoogste palmtrossen
Immature palm, geplant door Luc Bertrand in september 2015
rubberprijzen in 2016 maakten het zelfs voor de zeer kostprijsefficiënte plantages in Indonesië niet mogelijk om winst te behalen en de naar jaareinde plotse stijging van de wereldmarktprijzen waren dan ook zeer welgekomen. Een verhoogde afname van China en een vooruitzicht voor aantrekkende economie in de US na de verkiezingen, in combinatie met veel neerslag in de productielanden Thailand en Vietnam, gaven een andere kijk op de aanwezige voorraden en deden de prijzen opnieuw boven 2 USD per kg eindigen.
De door Sipef in Indonesië geproduceerde zwarte thee is vergelijkbaar met de kwaliteit van Keniaanse thee, die door goede neerslag in voldoende mate aanwezig was in de eerste maanden van het jaar. Het duurde tot het vierde trimester voor de lagere prijsnoteringen enigszins stabiliseerden en opnieuw aantrokken, gedreven door een beperkt La Niña droogte-effect op de Keniaanse velden. De brutobedrijfswinst voor thee werd dan ook gehalveerd tegenover het goede jaar 2015.
De door Sipef geproduceerde bananen worden vanuit Ivoorkust met vooraf vastgelegde contractprijzen en volumes aangeboden aan een voornamelijk Brits en Frans cliënteel, waardoor de invloed van de volatiele bananenmarkten, gedreven door wijzigende volumes vanuit Midden- en Zuid-Amerika, beperkt wordt. Weersomstandigheden en managementwissels gaven niet de voor 2016 verwachte volumes voor deze uitbreidende activiteit.
De focus van Sipef's uitbreidingsplannen lag echter volledig op de ontwikkeling van bijkomende oliepalmplantages in Zuid-Sumatra in Indonesië. Op de 3 concessies in de Musi Rawas regio kon door de bijkomende compensatie van 2.662 hectaren per eind 2016 reeds een totaal van 11.354 hectaren landbouwgronden verzekerd worden voor ontwikkeling. Hiervan zijn 6.097 hectaren beplant of voorbereid voor aanplanting, een verdubbeling sinds einde 2015. Sipef wenst het totale project op minstens 18.000 hectaren te brengen, waarvan 3.000 hectaren worden voorzien voor omliggende boeren.
Cibuni-theeplantage met op de voorgrond een detail van de jonge scheuten
Na het afstoten van meer dan 3.000 hectaren verlieslatende rubber, zorgen de bijkomende aanplanten van 2.854 hectaren palmolie ervoor dat Sipef per einde 2016 een totale oppervlakte van 69.437 hectaren uitbaat, waarvan 18,9% het productiestadium nog niet heeft bereikt. Bij deze uitbreiding van activiteiten blijven de duurzaamheidsaspecten in het kader van de Roundtable on Sustainable Palm Oil (RSPO) certificatie een eerste vereiste.
Dankzij gunstige weersomstandigheden is het jaar sterk gestart met stijgende volumes in palmolie en rubber in de eerste twee maanden van het jaar. De volumeverwachtingen voor de volgende maanden blijven, ondanks de normale productietendensen, positief en ook de prijsevolutie voor het eerste semester is gunstig. Er werd dan ook van deze recente marktevoluties gebruik gemaakt om volumes in de markt te plaatsen die moeten toelaten om de goede prijzen voor de eerste jaarhelft te verzekeren. De aangekondigde recordoogsten van sojabonen in Zuid- en Noord-Amerika in de rest van het jaar wegen inmiddels op de prijsvooruitzichten voor het tweede semester.
De verwachte bijdrage van rubber wordt in belangrijke mate ondersteund door de snel stijgende prijzen op de wereldmarkt, gedreven door een groeiende vraag en een tijdelijk verstoord aanbod vanuit Thailand en Vietnam.
In het eerste trimester 2017 zal Sipef ook de - in december 2016 aangekondigde - verwerving van 47,71% van PT Agro Muko in Bengkulu in Indonesië afronden met de betaling van 144,1 miljoen USD. Hierdoor verhoogt het belang tot 95% en wordt exclusieve controle verworven. Er worden 9.366 hectaren bijgevoegd aan de hectaren (aandeel van de groep). Tevens werd op 21 februari 2017 aangekondigd dat een akkoord werd bereikt voor de mogelijke overname van 95% van de aandelen van PT Dendy Marker, voor de prijs van 53,1 miljoen USD. Dendy Marker is eigenaar van 6.562 voorbereide/geplante hectaren oliepalmen met een potentieel om uit te breiden tot 9.000 hectaren, alsook 2.781 hectaren omliggende boeren en een palmoliefabriek die tot 25 ton/uur kan verwerken.
Deze transacties zullen in de eerste jaarhelft 2017 worden gefinancierd door de combinatie van een kapitaalverhoging van maximaal 97,2 miljoen USD met behoud van voorkeurrecht voor de bestaande aandeelhouders en van een langetermijnfinanciering. Na deze verwerving en de verwezenlijking van de geplande uitbouw van de Musi Rawas expansie, zal Sipef 90.000 geplante hectaren in aandeel van de groep benaderen.
www.sipef.com
Van links naar rechts: Thomas Hildenbrand, Charles De Wulf, Johan Nelis, Robbert Kessels, François Van Hoydonck
Sipef NV
| (USD 1.000) | 2016 | 2015 | 2014(1) |
|---|---|---|---|
| Omzet | 266.962 | 225.935 | 285.899 |
| EBITDA | 76.587 | 49.586 | 82.307 |
| EBIT | 47.479 | 21.447 | 60.819 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 39.874 | 18.708 | 48.967 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 448.063 | 415.429 | 410.946 |
| Netto financiële positie | -45.061 | -50.521 | -24.617 |
| Balanstotaal | 615.332 | 579.032 | 571.383 |
(1) Herwerkt als gevolg van de vervroegde toepassing door Sipef, vanaf 2015, van de wijzigingen aan IAS16 en IAS41 materiële vaste activa en biologische activa
Nationale Maatschappij der Pijpleidingen (NMP), oorspronkelijk opgericht door de Belgische Staat, is gespecialiseerd in de realisatie en het beheer van pijpleidingen voor het vervoer van industriële gassen en van producten voor de petrochemische industrie.
Pijpleidingen vormen strategische, betrouwbare, veilige en milieuvriendelijke aanvoerlijnen voor de petrochemie en zijn onontbeerlijk voor diens verankering in België. Als beheerder van een pijpleidingennetwerk van 700 km draagt NMP hiertoe bij. Om het beheer op de meest optimale manier te kunnen uitvoeren, maakt NMP gebruik van een omvangrijk veiligheidsbeheerssysteem en een geografisch informatiesysteem.
NMP was nauw betrokken bij de besprekingen omtrent de herziening van de veiligheidswetgeving in verband met het transport van gassen en andere producten per pijpleiding. Deze herziene wetgeving zal in 2017 van kracht worden. Het onderzoek naar eventueel noodzakelijke aanpassingen aan het bestaande veiligheidsbeheerssysteem om aan deze herziene wetgeving te beantwoorden, werd reeds opgestart.
Nitraco (joint venture tussen NMP en Praxair) heeft in 2016 de nieuwe zuurstofleiding tussen haar centrales in Antwerpen en Zwijndrecht, evenals de verlenging van een bestaande stikstofleiding naar Vynova in Tessenderlo, in gebruik genomen. Daarnaast werd in 2016 het project betreffende bijkomende uitbreidingen van het bestaande stikstofnetwerk in het Antwerps havengebied afgewerkt, en werd eind 2016 eveneens een uitbreiding van het bestaande zuurstofnetwerk in het Antwerps havengebied naar TRA (Total Raffinaderij Antwerpen) opgestart.
NMP heeft in 2016 een overeenkomst afgesloten met Nippon Shokubai Europe (NSE) voor de aanleg van een nieuwe propyleenleiding tussen de site van Oiltanking Antwerp Gas Terminal en de site van NSE te Zwijndrecht voor de bevoorrading van de nieuwe fabriek. De constructie van deze leiding werd eind 2016 aangevat, en zal vermoedelijk midden 2017 afgerond worden. De ingebruikname zal echter pas begin 2018 gebeuren.
Het resultaat over het boekjaar 2016 is licht hoger dan in 2015. Deze stijging is voornamelijk te wijten aan de indienstname van de nieuwe Nitracoleidingen en aan een verhoogd transport op de propyleenleiding Antwerpen-Geel. Voor 2017 wordt, afgezien van de wijzigingen veroorzaakt door de verkoop van Canal Re begin januari 2017, een gelijkaardig resultaat als dat van 2016 verwacht. Voor de komende jaren wordt, door de ingebruikname van nieuwe leidingen, een positief effect verwacht op het resultaat van NMP.
Nationale Maatschappij der Pijpleidingen NV
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 13.539 | 13.739 | 13.641 |
| EBITDA | 4.905 | 5.088 | 5.444 |
| EBIT | 2.994 | 2.872 | 3.145 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 2.545 | 2.129 | 2.294 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 30.012 | 28.899 | 28.204 |
| Netto financiële positie | 20.909 | 19.577 | 17.218 |
| Balanstotaal | 42.898 | 43.328 | 43.984 |
| Personeel | 4 | 5 | 5 |
Van links naar rechts: Gert Van de Weghe, Guy De Schrijver
Sagar Cements is een beursgenoteerde producent van cement, gevestigd in Hyderabad (India). De fabrieken in de staten Telangana en Andhra Pradesh, in het zuiden van India, hebben een totale cementcapaciteit van 4 miljoen ton per jaar.
De Indiase economie was in 2016 een van de snelst groeiende van de wereld, gestimuleerd door economische hervormingen, lage grondstoffenprijzen en een stabiel inflatiecijfer. Desondanks bleef de groei in de bouwsector laag als gevolg van vertragingen van grote infrastructuurprojecten en de uitdagingen van de demonetisering van de Indiase bankbiljetten, die de vraag op het eind van het jaar ernstig troffen.
Sagar Cements realiseerde in 2016 slechts een beperkte omzetstijging, van 7.524 miljoen INR in 2015 tot 7.690 miljoen INR. De aanhoudende overcapaciteit en lage vraag op de markt vertaalden zich in lagere prijzen, waardoor de sterke stijging van de verkoopvolumes niet kon vertaald worden in een evenredige omzetstijging. De toename van de verkochte volumes was mogelijk dankzij een aanhoudende stijging van de bezettingsgraad van BMM. De overname in 2015 van BMM Cements, gelegen in zuidelijk Andhra Pradesh met een fabriek met een capaciteit van 1 miljoen ton en een eigen thermische centrale van 25 MW, leidde tot een expansie van de productiecapaciteit van Sagar naar 3,75 miljoen ton in 2015 en een beduidende optimalisatie van de transportkosten van het bedrijf. De fabriek van BMM bevindt zich aan de zuidelijke rand van de historische markten van Sagar's fabriek in Matampally. Sagar heeft de zuidelijke markten Karnataka en Tamil Nadu, die door een meer gunstige dynamiek van vraag en aanbod worden gekenmerkt, in toenemende mate vanuit BMM bediend. De fabriek van BMM heeft in 2016 een belangrijke operationele bijdrage aan de resultaten van de groep geleverd.
Tegelijkertijd heeft Sagar de diversificatie buiten haar kernmarkten Andhra Pradesh en Telangana voortgezet door de verkoop op de oostelijke markten te vergroten. Om de logistieke kosten van de bediening van deze markten te beperken en de capaciteitsbezetting van de oven van de fabriek in Matampally te optimaliseren, heeft Sagar Cements in Vizag een maalinstallatie met een capaciteit van 0,18 miljoen ton cement per jaar verworven. Dankzij deze overname zal Sagar in de oostelijke kustgebieden, de staten Andhra Pradesh en Odisha, hoogovencement (PSC) kunnen aanbieden met klinker uit de fabriek van Matampally. Het bedrijf breidt de capaciteit van de maalinstallatie momenteel uit naar 0,3 miljoen ton en is van plan ze tot 1,5 miljoen ton per jaar te verhogen.
Sagar Cements heeft haar kapitaal eind 2016 en begin 2017 in 2 fases verhoogd met 31 miljoen euro om deze expansie te financieren en om te investeren in een eigen thermische elektriciteitscentrale van 15 MW en een systeem voor warmterecuperatie van 6 MW in de cementfabriek in Matampally. Dit zal de afhankelijkheid van het elektriciteitsnet verder verminderen en de kosten van de opwekking
van stroom optimaliseren. Eind 2016 heeft AvH op de eerste aandelenemissie ingetekend op 50/50 basis met de familie Reddy, de promotoren van Sagar Cements. De tweede fase van de kapitaalverhoging was voorbehouden voor 'qualified institutionals' en werd succesvol afgerond in februari 2017. Hierdoor is de participatie van AvH licht gedaald tot 17,6%.
De staten Andhra Pradesh en Telangana voeren momenteel grote infrastructuurprojecten uit, waaronder havens, luchthavens en industriezones. Bovendien verwacht men dat bijkomende overheidsuitgaven voor infrastructuur en een lang verwacht herstel van de vraag op het platteland de vraag naar cement zullen stimuleren. Aangezien men voor 2018 geen ingebruikname van nieuwe capaciteit in het zuiden van India verwacht, zou de capaciteitsbezetting in de regio beduidend moeten stijgen.
Sagar Cements LTD
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 103.613 | 105.341 | 65.920 |
| EBITDA | 16.377 | 19.689 | 46.348 |
| EBIT | 10.057 | 15.849 | 43.580 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 2.913 | 6.415 | 32.686 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 80.510 | 75.581 | 65.269 |
| Netto financiële positie | -64.206 | -60.229 | -475 |
| Balanstotaal | 184.842 | 176.554 | 128.578 |
| Wisselkoers INR/€ | |||
| P&L | 74,22 | 71,43 | 80,65 |
| Balans | 71,55 | 72,12 | 77,29 |
Oriental Quarries & Mines (OQM), een joint venture van AvH en Oriental Structural Engineers, is actief in de ontginning en productie van aggregaten voor de bouw van wegen, bestratingen, vliegvelden, spoorwegen, racecircuits en gebouwen, en voor de productie van gebruiksklaar beton. De producten van OQM worden op de markt gebracht onder de merknaam 'Oriental Aggregates'.
Eind 2016 baatte OQM drie groeven uit: in Mau en Bilaua (in de regio Gwalior in het noorden van India) en in Bidadi (zuidelijk India). De aggregaten uit de groeven van OQM in het noorden van India worden gebruikt voor grote infrastructuurwerken zoals snelwegen, spoorwegen en racecircuits. De groeve in Bidadi focust voornamelijk op de markt van gebruiksklaar beton en vastgoedprojecten.
2016 was een uitdagend jaar voor OQM. De beslissing van de regering om bankbiljetten te vervangen, heeft de bouwactiviteiten vertraagd. Dit had een weerslag op de vraag naar aggregaten in de verschillende regio's, vooral tijdens het vierde kwartaal van 2016. In Bidadi leed de vraag ook sterk onder het gebrek aan nieuwe vastgoedprojecten. Mau en Bilaua werden getroffen door een aantal wijzigingen van de regelgeving in de mijnbouwsector, die onder meer tot een tijdelijke sluiting van alle vestigingen in de zone Bilaua leidden. Toch realiseerde OQM in 2016 een omzet van 9,5 miljoen euro. AvH heeft ten laste van het resultaat 2016 een bijzondere waardevermindering geboekt op de goodwill op haar deelneming in OQM.
De sector verwacht een fors herstel van de vraag naar infrastructuur dankzij een toename van de fiscale inkomsten van de regering in 2017 en haar visie om de overheidsuitgaven te stimuleren. De vraag naar aggregaten zal in 2017 naar verwachting in heel het land stijgen, gedreven door de start van verscheidene snelwegprojecten. De geleidelijke daling van de hypotheekrente in het begin van 2017 zou eveneens weer vraag op de woningmarkt moeten scheppen.
Oriental Quarries & Mines Pvt LTD
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 9.496 | 6.230 | 8.015 |
| EBITDA | 374 | 500 | 738 |
| EBIT | -64 | -84 | 462 |
| Nettoresultaat (deel groep) | -44 | -34 | 662 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 7.824 | 7.770 | 7.281 |
| Netto financiële positie | 2.072 | 1.705 | 1.362 |
| Balanstotaal | 9.335 | 9.455 | 8.912 |
| Wisselkoers INR/€ | |||
| P&L | 74,22 | 71,43 | 80,65 |
| Balans | 71,55 | 72,12 | 77,29 |
www.orientalaggregates.com
Van links naar rechts: Sandeep Aiyappa, Manoj Mishra, Parijat Mondal, Sunil Sharma
90 Partners for Sustainable Growth
De operationele verliezen van en de waardeverminderingen op Groupe Flo en CKT Offshore overschaduwen de verbetering van de resultaten bij de meeste andere 'Growth Capital'-participaties.
Telemond - Productie Henschel Engineering Automotive
CKT Offshore(2)
Groupe Flo(2)
Bijdrage tot het geconsolideerd nettoresultaat AvH
| (€ miljoen) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Bijdrage van de deelnemingen | 2,7 | 8,9 | -2,1 |
| AvH & subholdings | -10,8 | -9,8 | -9,9 |
| Netto meer/minwaarden en waardeverminderingen | -26,8 | 5,2 | -2,9 |
| AvH & Growth Capital | -34,9 | 4,3 | -14,9 |
In een volatiele omgeving konden de meeste participaties hun resultaten verbeteren. Dit werd evenwel overschaduwd door substantiële verliezen en waardeverminderingen bij CKT Offshore en Groupe Flo.
In 2016 begon de M&A-markt kenmerken van oververhitting te vertonen, gedreven door het goedkope geld. Institutionele partijen wensen daarnaast nog steeds hun allocatie aan private equity te handhaven of zelfs te verhogen, aangetrokken door de mooie rendementen en het gebrek aan volwaardige alternatieven. Ook wordt de aanwezigheid van kapitaalkrachtige Chinese kopers in bepaalde sectoren steeds meer voelbaar. Zowel de absolute waarderingsparameters (EV/EBITDA) als het aandeel bankschulden in de totale financiering (NFD/ EBITDA) stegen naar de hoogste multiples in jaren. Financiële kopers halen het steeds meer van industriële partijen, zeker wanneer het grotere bedrijven betreft, en het aandeel 'secondary buy-outs' blijft groot. Men zit hiermee in een verkopersmarkt, met een grote concurrentie in de biedingen tot gevolg. Dit noopt tot een voorzichtig investeringsbeleid.
Daarnaast valt de verdere toename van start-ups met innovatieve ideeën en businessmodellen op die op zoek zijn naar financiering en markten, alsook een groeiende interesse voor groeikapitaal. De vele succesvolle rolmodellen, de steun van de overheid en diverse privé-initiatieven creëren duidelijk een groter draagvlak voor een vernieuwde ondernemingszin. Dit kan alleen maar worden toegejuicht.
De omgeving waarin onze participaties gedijen werd er in 2016 niet gemakkelijker op. De gevolgen van de financiële crisis en de daarbij horende besparingen bij de overheid bleven wegen op het consumentensentiment en de koopkracht. Daar kwamen nu diverse terroristische aanslagen, de Brexit en de evoluties van de Amerikaanse politiek, met mogelijke implicaties voor de internationale handel, bovenop. Dit had effect op de wisselkoersen, grondstofprijzen en rentevoeten.
In dit klimaat ligt de focus van AvH nog steeds op operationele verbeteringen, het vergroten van het marktaandeel of vinden van nieuwe markten, gekoppeld aan deugdelijk bestuur, zonder overmatig gebruik te maken van de schuldenhefboom. De groep focust op een beperkt aantal participaties, waar diepgaande kennis van hun markten wordt ontwikkeld in nauw overleg met de bedrijfsleiding. Zo kan AvH met kennis van zaken de te volgen strategie mee vorm geven. De gehanteerde investeringshorizon is hierbij langer dan gebruikelijk in de sector, wat een stabiel bedrijfsbeleid en investeringen mogelijk maakt. AvH kijkt selectief naar nieuwe projecten, waar de groeivooruitzichten op lange termijn en waarderingen dit verantwoorden, gebaseerd op de trends die het waarneemt in sectoren, technologie en geografische markten.
AvH heeft op 30 september 2016 de overname afgerond van het minderheidsbelang van 26% in Sofinim, voor een bedrag van 106 miljoen euro. Een eerste schijf van 50 miljoen euro werd reeds betaald. Het saldo zal worden voldaan in 2017 en 2018 (telkens 28 miljoen euro). Met ingang van het vierde trimester 2016, werd het deelnemingspercentage van AvH in de participaties van Sofinim bijgevolg niet meer gecorrigeerd voor het 26%-minderheidsbelang. De discount die bij deze transactie werd bekomen ten opzichte van de boekhoudkundige waarde bedraagt ongeveer 27 miljoen euro en werd rechtstreeks in het eigen vermogen verwerkt, aangezien AvH reeds de exclusieve controle over Sofinim bezat.
Aangezien de opvolging en aansturing van de Sofinim-deelnemingen sinds Q4 2016 volledig binnen AvH geïntegreerd is, wordt dit voortaan mee opgenomen in het segment 'AvH & Growth Capital'. Naar aanleiding van deze hergroepering in 1 segment wordt ook de participatie in Telemond Groep (50%) onder 'AvH & Growth Capital' gerapporteerd (voorheen 'Energy & Resources').
In 2016 kon Growth Capital niet rekenen op de belangrijke meerwaarde die in 2015 geboekt werd bij Egemin ten belope van 31,7 miljoen euro. De operationele verliezen en waardeverminderingen bij het Nederlandse CKT Offshore en het Franse Groupe Flo leverden daarentegen een negatieve impact op van 34 miljoen euro. Indien men normaliseert voor deze effecten, komt de verbeterde prestatie van de andere participaties beter tot uiting.
De meeste participaties boekten sterke resultaten. Amsteldijk Beheer, Agidens, Corelio, Manuchar, Telemond Groep, Transpalux en Turbo's Hoet Groep realiseerden een veel hogere nettowinst. Atenor kon haar resultaat handhaven. Distriplus en Euro Media Group beperkten dan weer de verliezen in vergelijking met de voorgaande jaren. Het verlies van CKT Offshore bleef substantieel, en even groot als in 2015.
De meeste participaties bleven sterk investeren, weze het in de verdere uitbouw en vernieuwing van hun distributiekanalen (Distriplus, Manuchar en Turbo's Hoet Groep), dan wel in hun geografische en productdiversificatie. Bij Corelio blijkt het businessmodel van Mediahuis succesvol. Begin 2017 werden de activiteiten van Mediahuis nog verder uitgebreid inzake televisie, radio en Media Groep Limburg in Nederland. In een aantal participaties (Corelio, CKT Offshore, Euro Media Group en Telemond) vonden belangrijke herstructureringen plaats die op de resultaten wogen. De ommezwaai bij Telemond lijkt gerealiseerd in moeilijke marktomstandigheden. Bij Euro Media Group presteerden alle landen goed met uitzondering van Frankrijk, waar verdere acties ondernomen worden. In diezelfde Franse markt kon Transpalux zich goed herpakken. Bij Agidens verliep de doorstart zonder de verkochte Handling Automation-divisie (Egemin) succesvol. CKT Offshore, actief op een offshore
Agidens 2. Euro Media Group
markt die lijdt onder de lage olieprijzen, herstructureerde zwaar en focuste op het afwerken van bestaande probleemwerven. Sofinim maakte dit, samen met de andere aandeelhouders, met diverse vervolginvesteringen mogelijk. Het bedrijf zal zich nu richten op kleinere, minder risicovolle contracten, in afwachting dat de markt zich herstelt.
De investeringen bleven beperkt tot 6,7 miljoen euro, o.a. in CKT Offshore en tot het nemen van een participatie in OncoDNA. Met een participatie van 15% wordt AvH de grootste investeerder in dit
Belgische, nog relatief jonge bedrijf dat medische diagnoses ontwikkelt met het oog op de behandeling van tumoren.
De aanhoudende moeilijke marktomstandigheden in Frankrijk, ondermeer veroorzaakt door de terroristische aanslagen en bijhorende terreurdreiging, leidden bij Groupe Flo opnieuw tot een daling van de omzet, en een substantiële daling van de bedrijfsresultaten. Dit leidde eind 2016 tot het herbekijken van alle strategische opties, die in 2017 hun beslag zullen kennen.
Deelnemingspercentage AvH (Inclusief indirecte deelneming via Axe Investments)
Agidens levert advies, automatisering en onderhoudsdiensten voor vijf focusmarkten: Life Sciences, Tank Terminals, Food & Beverage, Infrastructuur en Chemie.
Het eerste volledige boekjaar na de desinvestering van de Handling Automation-divisie en de merknaam 'Egemin' was voor Agidens succesvol. Het strategisch vijfjarenplan '20/20 Vision' dat in 2015 werd ontwikkeld, kende een sterke start. Het orderboek bedroeg ongeveer 50 miljoen euro. De groep telt nu ongeveer 600 medewerkers verspreid over België, Nederland, Frankrijk, Duitsland en Zwitserland.
De strategie van Agidens is gestoeld op vier grote pijlers: internationalisering, marktdifferentiatie, productinnovatie en duurzame relaties. Ter ondersteuning hiervan werd in 2016 het 'Agidens Innovation Eco System' in het leven geroepen. Naar de toekomst toe zal het ontwikkelen van nieuwe producten, diensten en operationele modellen een grote bijdrage hebben in de verdere groei van Agidens.
In 2016 ontwikkelde Agidens Process Automation via open innovatie en in samenwerking met enkele partners nieuwe softwaretoepassingen. Deze zullen vanaf 2017 voor verdere groei zorgen in de tank terminal-markt in binnen- en buitenland. De Tank
www.agidens.com
Van links naar rechts: Jo Janssens, Marc Bocxstael, Geert Stienen, Arnoud den Hoedt, Pieter Tilkens, Steven Peeters
Terminal-business unit wist in 2016 haar prominente marktpositie nog verder te versterken in de ZARAG-regio (het gebied tussen Zeebrugge, Amsterdam, Rotterdam, Antwerpen en Gent). Ondanks het feit dat er minder greenfield-projecten op de markt waren, werd een record omzet opgetekend.
De business unit Food kon onder moeilijke marktomstandigheden toch groei optekenen dankzij de geïdentificeerde strategische initiatieven.
Ook in de (fijn)chemische industrie werden enkele mooie successen gerealiseerd.
De divisie Life Sciences zette, bouwend op de solide fundamenten van haar key account management, haar sterke groei verder. Het wist een aantal 'managed services'-contracten bij grote spelers in de farmaceutische industrie binnen te halen. Tevens werden de automatiseringsactiviteiten met succes uitgebreid van de traditionele markten, België en Nederland, naar Zwitserland. De nieuwe vestigingen in Frankrijk en Duitsland kenden hun eerste successen in 2016 en legden de funderingen voor verdere groei in 2017.
De divisie Infra Automation werkte in 2016 aan de Beatrixsluis in Nederland, het grootste project in de 70-jarige geschiedenis van Agidens. Ook de eerste internationale engineeringprojecten werden toegevoegd aan het orderboek.
Met een duidelijk strategisch plan en focus, een stijgende vraag naar automatisering en een goed gevuld orderboek voor 2017 zet Agidens ook de komende jaren in op winstgevende groei.
Tank terminal-project
Agidens NV
| (€ 1.000, IFRS) | 2016 | 2015(1) | 2014(2) |
|---|---|---|---|
| Omzet | 75.026 | 61.930 | 128.356 |
| EBITDA | 4.557 | 62.898 | 10.170 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 1.588 | 58.504 | 4.335 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 22.564 | 88.074 | 26.376 |
| Netto financiële positie | 2.613 | 71.100(3) | 5.911 |
(1) Agidens zonder Handling Automation (behalve meerwaarde)
(2) Egemin International (incl. Handling Automation)
(3) 2015: Inclusief opbrengst verkoop Handling Automation
Atenor Group is een beursgenoteerde vastgoedontwikkelaar die gespecialiseerd is in grootschalige stadsprojecten (kantoren, gemengde wooncomplexen) met een uitstekende ligging en van een grote technische, architecturale kwaliteit. Door haar uitgebreide knowhow is de groep in staat om zowel in België als in het buitenland projecten te ontwerpen en uit te voeren.
Atenor Group sloot het boekjaar 2016 af met een positief nettoresultaat van 20,4 miljoen euro. Daarmee verbetert de groep voor het vierde opeenvolgende jaar haar resultaat.
De resultaten werden beïnvloed door de oplevering van het Trebel-gebouw aan het Europees Parlement op het einde van het eerste semester. Het tweede halfjaar werd gekenmerkt door de verkoop van een eerste gebouw op het Vaci Greens-bedrijventerrein in Boedapest (Hongarije). Atenor werkte ook verder aan de bouw en commercialisering van verscheidene residentiële projecten waarvoor de marge op de verkochte eenheden werd geboekt naarmate de bouwwerkzaamheden vorderden. Tot slot ontving Atenor ook huuropbrengsten van de projecten in Boedapest en Boekarest (Roemenië). Atenor ziet niet alleen haar resultaat stijgen, maar diversifieert ook haar inkomstenbronnen.
In vervolg op eerdere acquisities verwierf Atenor een nieuw project in het centrum van Boekarest (Dacia, 12.000 m² kantoorruimte). De groep verwierf ook de controle over de vennootschap die eigenaar is van het Realex-project (42.000 m² kantoorruimte) in de Europese wijk in Brussel.
Ondanks de onzekerheden die inherent zijn aan de activiteiten van elke vastgoedontwikkelaar, heeft Atenor al van bij het begin van 2017 een duidelijk zicht op zijn toekomstige resultaten. Met name door de volgehouden activiteit op de vastgoedmarkt in Boedapest en Boekarest zien zij er veelbelovend uit.
Vaci Greens - Boedapest - Hongarije (artist impression)
In november 2016 hebben de referentieaandeelhouders, waartoe Sofinim behoort, de aandeelhoudersovereenkomst verlengd die hen voor een periode van tenminste 5 jaar verbindt.
www.atenor.be
Van links naar rechts: Sidney D. Bens, Stéphan Sonneville, William Lerinckx, Laurent Collier
Atenor NV
| (€ 1.000, IFRS) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 156.830 | 116.748 | 110.801 |
| EBITDA | 35.853 | 34.612 | 30.795 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 20.375 | 19.958 | 15.333 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 136.654 | 126.799 | 112.904 |
| Netto financiële positie | -305.077 | -339.342 | -199.572 |
De investeringsmaatschappij Axe Investments is een joint venture van Anacom (gecontroleerd door Christian Leysen) en Ackermans & van Haaren.
Ahlers-gebouw
Axe Investments heeft als investeringsmaatschappij participaties in het IT-bedrijf Xylos, in Agidens en in het energiebedrijf REstore. Daarnaast bezit Axe Investments een deel van het Ahlers-gebouw aan de Noorderlaan in Antwerpen.
Xylos is in het Belgisch IT-landschap een toonaangevend bedrijf dat focust op de digitale transformatie van haar klanten. Het biedt hiervoor oplossingen rond change management, de digitale werkplek, de Intelligent Cloud, mobile apps en samenwerkings-
Axe Investments NV(1)
| (€ 1.000, IFRS) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 718 | 614 | 553 |
| EBITDA | 159 | 184 | 107 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 14.898(2) | 402 | 277 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 13.144 | 15.582 | 15.530 |
| Netto financiële positie | 2.237 | 4.920 | 5.120 |
www.axe-investments.com
platformen. Tot de Xylos-groep behoren de merken Inia (Unified Communications), Neo (digitaal leren), IntoApps (Mobile Apps) en Thingtank (Internet of Things). Het bedrijf telt 200 medewerkers en heeft vestigingen in Brussel, Antwerpen en Herentals.
REstore is een Europees energie-technologiebedrijf, gespecialiseerd in geautomatiseerde vraagsturing. REstore biedt afschakelbaar vermogen aan energieleveranciers en transmissienetbeheerders in de vorm van een virtuele piekcentrale. Via de eigen softwareplatformen FlexPondTM en FlexTreoTM verbindt het deze partijen met commerciële en industriële grootverbruikers en stelt het deze verbruikers in staat hun energiekosten te minimaliseren en de inkomsten van geautomatiseerde vraagsturing te maximaliseren. FlexTreoTM werd in 2016 geïntroduceerd en maakt gebruik van cloud-connectiviteit en big data gestuurde energy intelligence om in te kunnen spelen op real time opportuniteiten in de energiemarkt.
De bezetting van het vastgoed van Axe Investments was goed. De lopende renovatiewerkzaamheden drukten nog op de bijdrage van het vastgoed van Axe Investments.
De resultaten van de participaties en de huurinkomsten van het Ahlers-gebouw bepaalden samen met de beleggingsresultaten het jaarresultaat van Axe Investments.
(1) De cijfers van Agidens / Egemin worden niet geconsolideerd op het niveau van Axe Investments. (2) inclusief dividenduitkering door Agidens. In de geconsolideerde rekeningen van AvH wordt dit dividend geëlimineerd, aangezien Agidens integraal wordt geconsolideerd.
De mediagroep Corelio is via haar belang in Mediahuis de grootste speler op de Vlaamse print- en digitale krantenmarkt en beschikt bovendien met NRC Handelsblad over een titel die in Nederland als dé journalistieke referentie geldt. Daarnaast is de groep actief in de audiovisuele media en de gratis regionale pers en heeft ze twee aparte printing divisies.
Mediahuis bleef multimediaal investeren in haar nieuwsmerken en online platformen. Het jaar werd dan ook afgesloten met een stijging van haar REBIT-DA (van 41,8 miljoen euro naar 43,6 miljoen euro). Met een verkoop van 516.803 exemplaren hebben de nieuwsmerken van Mediahuis - Het Nieuwsblad/De Gentenaar, Gazet van Antwerpen, De Standaard, Het Belang van Limburg - hun sterke positie gehandhaafd. De advertentieomzet steeg licht en ook het aandeel van online in de advertentie-inkomsten bleef toenemen.
NRC heeft dankzij een forse prestatie op de lezersmarkt een REBITDA gerealiseerd van 19,4 miljoen euro (2015: 18,4 miljoen euro).
Bij De Vijver Media hebben SBS en haar zenders Vier, Vijf en Zes verder geïnvesteerd in groei van hun bereik, wat resulteerde in een stijging van de advertentie-inkomsten. Bij Woestijnvis werd door nieuwe externe productierechten het exploitatieresultaat in 2016 fors verbeterd. De langspeelfilm 'De Premier', die in het najaar in première ging, boekte mooie successen.
De radiozenders Nostalgie gingen verder op hun elan van de voorgaande jaren. De Leuvense televisiezender ROB bleef verder groeien en het gratis magazine Rondom plukte de vruchten van een opnieuw aantrekkende lokale advertentiemarkt.
Printing Partners realiseerde een sterk jaarresultaat en bereikte een sociaal akkoord voor de fusie van de 2 productiesites in Paal-Beringen tegen eind 2021. Ook Corelio Printing hield goed stand.
De doorgevoerde innovatie- en reorganisatieplannen van vorige jaren ressorteerden vol effect in 2016. Dit heeft geleid tot een significante verbetering van zowel de REBITDA als de geconsolideerde nettowinst. De forse daling van de nettoschuldpositie is te wijten aan de uitstekende operationele resultaten van alle divisies.
Mediahuis zal in 2017 een verdere uitbreiding kennen. Na goedkeuring van de mededingingsautoriteiten worden De Limburger, Metro (50%), De Vijver Media (30%), Nostalgie SA (50%), Vlaanderen Eén (75%), ATV, TV Limburg, TV Oost, ROB TV ondergebracht bij Mediahuis.
Corelio NV
| (€ 1.000, IFRS) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 513.078 | 521.898 | 398.274 |
| EBITDA | 51.032 | 67.665 | 27.328 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 13.904 | 11.379 | 1.773 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 74.602 | 66.044 | 59.313 |
| Netto financiële positie | -117.426 | -162.171 | -89.492 |
www.corelio.be
Van links naar rechts: Bruno de Cartier, Geert Steurbaut, NRC Gert Ysebaert
Met de merknamen Planet Parfum en Di is Distriplus actief als retailer in de 'beauty & care'-sector met 203 winkelpunten in België en Luxemburg.
Di
Van links naar rechts: boven: Marc Boumal, Helen Willems, Matthias De Raeymaeker, Barbara Sindic onder: Veerle Hoebrechs, Tanguy De Ripainsel
In een retailmarkt die getekend werd door de aanslagen in Brussel en Parijs slaagde Planet Parfum erin haar omzet in 2016 licht te verhogen tot 97 miljoen euro. Het aantal winkelpunten werd verhoogd tot 82 dankzij 4 openingen, waarvan 3 in Wallonië en 1 in Brussel.
Het vernieuwde winkelconcept, waar meer ingespeeld wordt op beleving van de klant en een omnichannel ervaring, heeft intussen bewezen dat het aanslaat. De roll-out wordt versneld en in 2017 zullen 40 winkelpunten vernieuwd worden. Eind 2017 zal 90% van de omzet plaatsvinden in deze vernieuwde winkelpunten.
De online aanwezigheid van Planet Parfum werd verder versterkt, waardoor de omzet van de e-shop meer dan verdubbelde in 2016.
Voor 2017 wordt, naast de vernieuwing van het winkelpark, sterk ingezet op opleiding, die wordt uitgebreid met e-learning tools.
Di heeft op omzetvlak een moeilijk jaar gekend. Vooral de regio Brussel, waar Di een grote aanwezigheid heeft, werd getekend door de impact van de aanslagen. Het aantal winkelpunten werd uitgebreid tot 121, met 5 openingen.
Door een groei van de low-end retail met sterke promotionele agressiviteit, bleef bij Di de omzet stabiel op 105 miljoen euro, ondanks enkele openingen. Di mikt erop om zich nog meer en sneller te differentiëren door het aanbieden van een eigen assortiment aan toegankelijke schoonheidsproducten.
Geconsolideerd eindigt Distriplus op een operationeel resultaat dat, uitgezuiverd voor enkele niet recurrente items, in lijn ligt met 2015. Het nettoresultaat kwam uit op -2,4 miljoen euro (2015: -13,1 miljoen euro).
| (€ 1.000, IFRS) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 203.841 | 203.226 | 199.927 |
| EBITDA | 7.523 | 8.399 | 12.019 |
| Nettoresultaat (deel groep) | -2.394 | -13.127 | 3.717 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 50.862 | 53.256 | 66.382 |
| Netto financiële positie | -44.491 | -50.556 | -54.199 |
Euro Media Group (EMG) is een belangrijke speler op de Europese markt van de audiovisuele technische diensten. Het is aanwezig in 7 landen: Frankrijk, België, Nederland, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Zwitserland en Italië.
EMG heeft een grote capaciteit aan mobiele productiefaciliteiten en studio's en verzorgt diverse gespecialiseerde diensten, zoals oplossingen voor productie op afstand, radiofrequentie (RF)-oplossingen en slow motion- en andere gespecialiseerde camera's. EMG levert ook 'second screen'-oplossingen via Netco Sports, dat in september 2015 werd verworven.
2016 was een bijzonder druk jaar voor EMG. Dit is in grote mate te danken aan de internationale sportevenementen van 2016 (Euro 2016 en Olympische Zomerspelen in Brazilië), waarin de groep zeer sterk aanwezig was. Daarnaast profiteerde EMG van de bijdrage voor het volledig jaar van de overnames van 2015, namelijk Broadcast RF in het Verenigd Koninkrijk en Netco Sports in Frankrijk.
De resultaten in Frankrijk verbeterden in 2016 beduidend, niet alleen als gevolg van de internationale sportevenementen maar ook als gevolg van de positieve impact in 2016 van de in 2015 uitgevoerde herstructurering van de studioactiviteiten. Deze positieve impact werd jammer genoeg gedeeltelijk tenietgedaan door de beslissing van een grote klant van Euro Media in Frankrijk om zijn studioactiviteiten vanaf augustus 2016 in te sourcen. EMG zal blijven werken aan de 'rightsizing' en de rentabiliteit van haar Franse activiteiten.
Nederland, Italië en Duitsland kenden in 2016 een forse groei, met positieve ontwikkelingen op de plaatselijke markt ondanks een sterke concurrentie. België bleef een goede financiële prestatie leveren, vergelijkbaar met 2015. De Brexit-beslissing van juni 2016 had een beduidende impact op de wisselkoers tussen het GBP en de euro. De activiteiten in het Verenigd Koninkrijk bleven echter, in plaatselijke valuta, aan de verwachtingen voldoen, dankzij een sterke lokale markt.
Het nettoresultaat bleef ook in 2016 negatief (-4,4 miljoen euro), al is dit ten belope van 6,5 miljoen euro het gevolg van het boeken van interestlasten op converteerbare obligaties die door EMG werden uitgegeven in 2014 en na 7,4 miljoen euro niet-re-
Euro Media France bij Olympique Lyon
currente kosten (o.a. voor herstructureringen). Met uitsluiting van deze respectievelijk eenmalige en 'non-cash'-lasten boekte de groep in 2016 een positief resultaat.
EMG werkte gedurende 2016 aan externe groeikansen in verschillende landen. Als gevolg daarvan kon het in januari 2017 de overname van DB Video in België afronden. Dankzij DB Video zal EMG haar positie in het institutionele en corporate marktsegment verder versterken, terwijl de groep ook voordeel zal halen uit de aanwezigheid van DB Video op de markt van de sport- en live-evenementen.
EMG verwacht dat de financiële prestaties van de groep in 2017 verder zullen verbeteren, genormaliseerd voor de impact van de internationale sportevenementen van 2016 en vergeleken met 2015. EMG zal in 2017 haar nieuwe groepsstrategie uitvoeren, met een grotere nadruk op sport- en live-evenementen, een verdere ontwikkeling van het geïntegreerde dienstenaanbod en een maximalisering van de toegevoegde waarde uit de nietsport- en niet-live-activiteiten.
Financière EMG(1)
| (€ 1.000, IFRS) | 2016 | 2015 | 2014(1) |
|---|---|---|---|
| Omzet | 318.638 | 294.000 | 317.848 |
| EBITDA | 55.098 | 38.094 | 39.250 |
| Nettoresultaat (deel groep) | -4.431 | -18.803 | -9.873 |
| Eigen vermogen (deel groep)(2) | 94.643 | 96.143 | |
| Netto financiële positie (zonder converteerbare obligaties) |
-61.494 | -66.262 |
(1) Financière EMG werd opgericht in 2014 n.a.v. de intrede van PAI (en controleverwerving) in het aandeelhouderschap van Euro Media Group. Het eerste (verlengde) boekjaar van Financière EMG werd afgesloten op 31 december 2015. Financière EMG bezit 100% van het kapitaal van Euro Media Group en heeft geen activiteiten buiten haar deelneming in Euro Media Group. De resultatenrekening van Financière EMG wordt daarentegen wel beïnvloed door de financieringsstructuur op het niveau van Financière EMG die bestaat uit cumulatief preferente aandelen en voor 78,7 miljoen euro converteerbare obligaties bevat (2015: 72,2 miljoen euro).
(2) 78,7 miljoen euro converteerbare obligaties, uitgegeven door Financière EMG ten gunste van de aandeelhouders van Financière EMG, zijn in deze cijfers inbegrepen in het eigen vermogen en niet in de netto financiële positie (2015: 72,2 miljoen euro).
Manuchar is actief in de aan- en verkoop van een brede waaier van producten, met een bijzondere focus op chemicaliën en staal. Verder biedt Manuchar toegevoegde waarde in de logistiek, de distributie alsook de financiering van die producten. Manuchar focust op groeimarkten en is met 1.875 medewerkers actief in 41 landen, vooral in Latijns-Amerika, Afrika en Azië.
In de chemicaliënsector combineert Manuchar haar handelsactiviteiten met logistieke dienstverlening en de distributie van chemicaliën in emerging markets. Ook in 2016 heeft de verbetering van de rentabiliteit zich verdergezet, ondanks de nog steeds moeilijke marktomstandigheden in landen zoals Brazilië, Colombia en Nigeria. Manuchar zet
www.manuchar.com
haar strategie voort om de controle te behouden en kosten te beheersen doorheen de waardeketen via eigen magazijnen. In Vietnam, Honduras, Colombia en Argentinië werden nieuwe magazijnen opgeleverd en in gebruik genomen. In Brazilië en Vietnam werd de uitbreiding van magazijnen voor granen en meststoffen opgestart. Hiermee beantwoordt Manuchar aan de stijgende vraag naar deze producten in deze regio's. Daarenboven breidt Manuchar voortdurend de eigen productportefeuille verder uit met als doel in de groeimarkten een top 3 plaats in te nemen in de distributie van chemicaliën. De markten die voor Manuchar nieuwer zijn, zoals Turkije en Dubai, bleven positief evolueren in 2016. De productiefaciliteit voor natriumsulfaat in Mexico werd in 2016 operationeel en realiseerde haar eerste verkopen. Als wereldmarktleider in de distributie van natriumsulfaat wil Manuchar zo tegemoetkomen aan de vraag naar Zuid-Amerikaanse bronnen. Tegelijk wil ze nog beter de kwaliteit bewaken van ontginning tot aflevering bij de klant.
De handelsactiviteiten in staal (Manuchar Steel) kenden een moeilijk jaar. De omzet daalde in een uitdagende markt met sterke concurrentie. Staalproducten voor de internationale handel worden aangekocht in verschillende landen en worden door Manuchar vooral geleverd in de groeimarkten van Latijns-Amerika, Afrika, het Midden-Oosten en Azië.
Manuchar is eveneens actief in de handel van andere grondstoffen zoals polymeren, papier, farmaceutica, automobielonderdelen, hout en cement. Vooral deze laatste kende in 2016 een sterke stijging in de omzet.
De rentabiliteit werd in 2016 in toenemende mate gerealiseerd door toegevoegde waarde in lokale logistiek en verkoop ten koste van pure trading-winsten.
Manuchar houdt vast aan een strategie van verschillende producten en diensten in groeimarkten, waar ze zich door haar distributie en logistieke dienstverlening kan differentiëren.
| (€ 1.000, BGAAP) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 1.105.746 | 1.196.725 | 1.084.583 |
| EBITDA | 51.451 | 57.164 | 43.364 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 11.697 | 8.245 | 8.263 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 84.014 | 76.873 | 70.269 |
| Netto financiële positie | -293.978 | -314.139 | -297.925 |
Het in 2012 opgerichte en in België gebaseerde OncoDNA legt zich toe op gepersonaliseerde moleculaire analyses voor kankerpatiënten. Dankzij deze analyses kan men de patiënten nieuwe behandelopties voorstellen die beter aangepast zijn aan de kenmerken van hun tumor.
Na vier jaar werkt OncoDNA al samen met meer dan 3.000 oncologen en een honderdtal instellingen in meer dan 50 landen. Eind 2016 telde het team van OncoDNA 35 medewerkers, en dit aantal blijft groeien.
Op 1 september 2016 werd Ackermans & van Haaren de grootste aandeelhouder (15%) van de vennootschap OncoDNA, na de afsluiting van een financieringsronde van in totaal 7,7 miljoen euro.
In 2016 heeft OncoDNA haar nieuwe oplossing OncoTRACE officieel gelanceerd. Deze eerste echt gepersonaliseerde test ter wereld gebruikt een gewoon bloedmonster om de evolutie van de kanker van de patiënt te volgen, zodat men de efficiëntie van de behandeling snel kan beoordelen.
OncoSHARE, het innovatieve platform voor communicatie, delen en netwerken, brengt vandaag de grootste online gemeenschap samen in het kankerdomein, met meer dan 10.000 gebruikers (oncologen, patiënten en mensen uit de omgeving van patiënten).
OncoDNA wil haar internationaal groeitempo versnellen en haar netwerk van oncologen blijven uitbreiden. Dat gebeurt onder meer door middel van de lancering in heel Europa van de SaaS (Software as a Service) oplossing, OncoKDM. Deze zal een groot aantal centra voor kankerbestrijding op wereldvlak toegang geven tot de databank en de expertise van OncoDNA. Verscheidene belangrijke samenwerkingen zijn al concreet of op weg om dat te worden. OncoDNA zal op de eerste successen van 2016 voortbouwen om haar partnernetwerk uit te bouwen en de banden met de farmaceutische bedrijven te versterken.
In 2017 zal een nieuwe oplossing, OncoSTRAT&- GO, officieel worden gelanceerd. Ze maakt analyses van tumoren mogelijk op basis van een biopsie van de primaire tumor of van een metastase, en ook vertrekkend van het bloed. Met de steun van het Waals Gewest zullen twee grote projecten worden gelanceerd. Het eerste, ARCHE, zal de klinische effectiviteit van OncoSTRAT&GO aantonen. Er zullen meer dan 1.200 patiënten bij worden betrokken. Het tweede grote project in de bio-informatica zal in de loop van 2017 worden bekendgemaakt.
De oncologie is het eerste therapeutische domein dat gepersonaliseerde behandelingen toepast, door diagnosetools, kennisdatabanken en medicatietherapieën te combineren. OncoDNA is momenteel goed geplaatst om de toonaangevende Europese speler te worden in deze wetenschappelijke revolutie die de patiënten ten goede komt.
www.oncodna.com
Van links naar rechts: Pierre Flamant, Jean Stephenne, Jean-Pol Detiffe, Jean-François Laes
Telemond Groep is voornamelijk een toeleverancier aan de kraan- en automobielsector, met productiesites in Polen. Haar kerncompetentie is de productie en het beheer van de toeleveringsketen van complexe staalconstructies, met een sterke specialisatie in hoogwaardig en slijtvast staal.
Henschel Engineering Automotive Teleyard
De klanten van Telemond werden nog steeds geconfronteerd met een scherpe terugval in de hijssector en een vertraging in de bouwsector op verscheidene sleutelmarkten, waaronder China, Zuid-Amerika en Rusland. De overcapaciteit werd
gecompenseerd door een vermindering van het personeelsbestand. De gevolgen van deze kostenverlagingen werden vanaf 2016 merkbaar. De groep boekte een nettowinst van 2,2 miljoen euro. De omzet daalde licht tot 69,0 miljoen euro, vanwege een aanhoudend moeilijke marktomgeving in de BRICS-landen en Zuid-Europa.
Ondanks de negatieve markttrends konden Teleskop en Montel hun marktaandeel verhogen bij de belangrijkste klanten in de hijssector. De groep ging ook nieuwe samenwerkingen aan in de spoorsector en in de bouw van hefplatformen.
Teleyard, de nieuwe entiteit in Stettin (Polen) mikt op de marine- en offshore-sector. De entiteit versterkt haar reputatie als een betrouwbare leverancier van complexe staalstructuren in zeer grote formaten en heeft haar klantenbasis beduidend uitgebreid.
Henschel Engineering Automotive heeft de productie van de nieuwe lijn laadbakken met neerklapbare zijschotten voor de VW Crafter-bestelwagen opgedreven.
Voor 2017 verwacht de groep een verdere verbetering van haar resultaat, dankzij de bijkomende ontwikkeling van haar activiteiten bij Teleyard en de grotere omzet van Henschel Engineering Automotive.
www.telemond.be
Van links naar rechts: Tobias Müller, Christopher Maas, Reiner Maas, Dieter Schneider, Frank Ceuppens
Telemond, Telehold, Henschel(1)
| (€ 1.000, IFRS) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 69.006 | 69.869 | 79.588 |
| EBITDA | 6.592 | 1.724 | 7.789 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 2.176 | -2.623 | 3.826 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 47.405 | 47.225 | 49.735 |
| Netto financiële positie | -13.623 | -17.781 | -17.209 |
(1) Consortiumconsolidatie
Transpalux is een Franse leider in de verhuring van filmmaterieel. Het beschikt over een uitgebreid park van verlichtingsmaterieel, camera's, voertuigen en generatoren. Transpalux is ook de grootste beheerder van filmstudio's in Frankrijk.
Het bedrijf stelt haar knowhow en meer dan 65 jaar ervaring ten dienste van de grootste producenten en regisseurs. Zo is Transpalux elk jaar betrokken bij de productie van meer dan 200 bioscoop- en televisiefilms.
Het leverde bijvoorbeeld in 2016 aan Europacorp, het bedrijf van de heer Luc Besson, al het verlichtingsmaterieel voor de blockbuster 'Valérian et la cité des mille planètes', die in juni 2017 in de zalen komt.
2016 werd ook gekenmerkt door een cruciale wijziging van de wet op het belastingkrediet voor filmproducties, dat van 20% naar 30% is gestegen. Deze nieuwe fiscale regeling is veel voordeliger voor de Franse producenten, zodat veel producties naar Frankrijk konden terugkeren en vooral het vertrek van andere werd voorkomen.
Transpalux boekte in 2016 een omzet van 29,7 miljoen euro (een stijging met 19%) en een operationele kasstroom (EBITDA) van 3,5 miljoen euro. Het nettoresultaat van de groep bedroeg 1,4 miljoen euro. Deze forse vooruitgang van het resultaat werd ook mogelijk gemaakt door de overname van de exploitatie van de studio's in Bry-sur-Marne. De omzet van deze studio's bedroeg voor het eerste volledige boekjaar bijna 4 miljoen euro, wat het potentieel van de site bevestigt.
De activiteit 'musea en tentoonstellingen' heeft eveneens goed bijgedragen aan het resultaat. Elektrische installaties voor beurzen werden verder ontwikkeld.
Tenslotte werd 2016 gekenmerkt door de wijziging van de hoofdaandeelhouder van Transpalux, in de maand november. De groep B Live heeft het door de groep Watchers gehouden meerderheidsbelang van 55% overgenomen.
De vooruitzichten van de groep Transpalux voor 2017 blijven bemoedigend en de groep heeft zich al verzekerd van enkele grote producties voor het jaar 2017, ondanks een toegenomen concurrentie. Het belastingstelsel zal in het voordeel blijven spelen van Transpalux, dat optimaal geplaatst is om voor grote filmproducties te werken. De enige mogelijke wanklank is een toegenomen concurrentie vanwege de andere Franse actoren, die niet aarzelen om hun marge drastisch te verlagen. Transpalux kan rekenen op de kwaliteit en de knowhow van haar teams.
www.transpalux.com
Van links naar rechts: Didier Diaz, Thierry Masurel
| (€ 1.000, French GAAP) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 29.695 | 24.570 | 22.681 |
| EBITDA | 3.517 | 2.966 | 2.732 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 1.368 | -100 | 409 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 8.590 | 7.104 | 7.204 |
| Netto financiële positie | -3.011 | -3.554 | -2.605 |
Turbo's Hoet Groep (THG) met hoofdkwartier in Hooglede (Roeselare) is actief in de verkoop, het onderhoud en de leasing van vrachtwagens. Daarnaast verdeelt en reviseert THG onderdelen en turbo's voor vrachtwagens en personenwagens. De groep is aanwezig met eigen vestigingen in België, Frankrijk, Nederland, Rusland, Wit-Rusland, Bulgarije, Roemenië en Polen.
Turbo's Hoet Groep - Hooglede
TH Trucks (dealerships, verkoop en onderhoud van vrachtwagens, lichte commerciële voertuigen en trailers) heeft 34 vestigingen: in België (12), Frankrijk (7), Rusland (10), Bulgarije (4) en Wit-
www.th-group.eu
Van links naar rechts: Serge Van Hulle, Peter Tytgadt, Filip Matthijs, Bart Dobbels, Kristof Derudder, Piet Wauters
Rusland (1). Het is één van de belangrijkste DAF-dealers wereldwijd. Daarnaast is TH Trucks ook dealer van onder meer Iveco, Dongfeng, Nissan, Mitsubishi en Kögel. 350 mechaniekers staan elke dag ter beschikking voor de klanten.
TH Lease (verhuur op lange en korte termijn van vrachtwagens, lichte commerciële voertuigen en trailers) is in België de grootste onafhankelijke leasingmaatschappij voor commerciële voertuigen met een park van meer dan 3.600 eenheden. Ook in de andere landen wordt deze dienstverlening aangeboden.
TH Parts (België, Frankrijk, Nederland, Rusland, Bulgarije, Polen, Wit-Rusland) is een belangrijke speler voor onderdelen voor vrachtwagens, lichte commerciële voertuigen en trailers. Meer dan 200 specialisten begeleiden de klanten naar de juiste onderdelen. De uitgebreide voorraad garandeert een vlotte beschikbaarheid.
TH Turbos is wereldwijd één van de grootste distributeurs van turbo's voor de 'aftermarket'. De eigen vestigingen in 6 landen (België, Frankrijk, Nederland, Bulgarije, Polen, Roemenië) beschikken over een zeer uitgebreide voorraad met zowel nieuwe als gereviseerde turbo's voor personenwagens, vrachtwagens en industriële toepassingen. Daarnaast zorgen de technische bijstand, herstellingen en garantievoorwaarden voor een onberispelijke klantenservice.
De inschrijvingen van zware vrachtwagens in de EU stegen in 2016 met 12,3%. TH Groep realiseerde in 2016 een omzet van 393 miljoen euro, een stijging met 12% ten opzichte van 2015. De EBITDA steeg met 21% tot 25,9 miljoen euro, en het nettoresultaat bedroeg 9,3 miljoen euro.
In 2016 werd in België de garage in Strépy (Henegouwen) gerenoveerd. In Bulgarije werd de bouw van een nieuwe garage in Sofia aangevat en in Frankrijk werd een servicepunt in Roncq verworven. In 2017 voorziet THG nieuwe servicepunten in Erembodegem (België), Duinkerken en St-Quentin en een nieuwbouwgarage in Le Havre (Frankrijk). Daarnaast bekijkt de groep actief potentiële uitbreidingsmogelijkheden.
Turbo's Hoet Groep NV
| (€ 1.000, BGAAP) | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 393.046 | 350.573 | 366.514 |
| EBITDA | 25.863 | 21.366 | 14.989 |
| Nettoresultaat (deel groep) | 9.279 | 8.425 | 355 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 97.565 | 86.885 | 81.009 |
| Netto financiële positie | -94.413 | -85.291 | -96.212 |
AvH heeft haar belangen in Groupe Flo en CKT Offshore op jaareinde 2016 overgeboekt naar 'bestemd voor verkoop', op basis van hun geschatte realisatiewaarde. De combinatie van verliesbijdragen en waardeverminderingen van deze participaties hebben een gezamenlijke impact op de resultatenrekening van -34 miljoen euro.
| (€ 1.000, IFRS) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Omzet | 15.077 | 76.262 |
| EBITDA | -20.423 | -15.750 |
| Nettoresultaat (deel groep) | -19.467 | -19.799 |
| Eigen vermogen (deel groep) | -1.619 | 3.466 |
| Netto financiële positie | 729 | 4.169 |
CKT Offshore is een EPC-contractor gespecialiseerd in het ontwerp, de fabricage alsmede het onderhoud en de reparatie van (modulaire) accommodaties, technische modules, architecturale afbouw en isolatie op een turn-key basis.
OFFSHORE
CKT
In het licht van de sterk teruglopende omzet, heeft CKT Offshore geherstructureerd met o.a. de sluiting van haar filiaal in het VK en het sterk verminderen van het personeelsbestand in Nederland. De groep realiseerde over het boekjaar een nettoverlies van 19,5 miljoen euro.
| (€ 1.000, IFRS)(1) | 2015 | 2014 |
|---|---|---|
| Omzet | 294.555 | 313.605 |
| EBITDA | 7.869 | 20.188 |
| Nettoresultaat (deel groep) | -51.494 | -35.724 |
| Eigen vermogen (deel groep) | 75.991 | 126.728 |
| Netto financiële positie | -73.803 | -68.487 |
(1) Cijfers 2016 nog niet gefinaliseerd
Groupe Flo is de Franse leider inzake commerciële restauratie. De groep baat een portefeuille uit van zeer bekende merken van themarestaurants (Hippopotamus, Tablapizza en Taverne de Maître Kanter) en wereldberoemde brasserieën (o.a. La Coupole, Bofinger, Le Boeuf sur le Toit). Deze zaken zijn verspreid over gans Frankrijk, met het zwaartepunt in Parijs en omstreken.
2016 werd gekenmerkt door een verdere achteruitgang van de Franse economische context en een moeilijke markt in de restaurantsector. Na een uitzonderlijk 2015 als gevolg van de aanslagen, kende ook 2016 donkere uren, met de aanslag op de avond van 14 juli in Nice. Deze verschillende gebeurtenissen hebben het herstel van de markt verhinderd. Groupe Flo bleef de gevolgen voelen van de algemene terugval van het restaurantbezoek, ook al werden eind 2016 enkele positieve elementen merkbaar.
Deze terugval treft alle ketens met uitzondering van Tablapizza, dat na een transitiejaar sinds de lancering van het nieuwe concept en de herziening van het aanbod het jaar 2016 licht positief afsluit. De Brasseries bleven sterk beïnvloed door de ineenstorting van het toeristische bezoek aan Parijs. Hippopotamus volgde min of meer de markttrend maar kende enkele moeilijke periodes. In het tweede semester van 2016 opende de eerste Hippopotamus van de nieuwe generatie zijn deuren op de Place de la Bastille. De volgende ombouwingen staan in de steigers. Deze nieuwe visuele identiteit is een ingrijpende modernisering van het concept, om het bij de tijdsgeest te doen aansluiten. Tenslotte bleven de concessies in 2016 een goed rendement opleveren, ook al had de activiteit van de Disney-vestigingen dit jaar meer te lijden.
Het proces van de verkoop van niet-strategische sites werd in 2016 versneld, om de vereiste middelen voor de financiering en de heroriëntatie van de activiteiten vrij te maken. De algemene organisatie van de groep werd verder geoptimaliseerd en blijft doorlopend evolueren om zich zo goed mogelijk aan de uitdagingen aan te passen.
Gelet op de impact van deze erg moeilijke context op haar prestaties en thesaurie, heeft Groupe Flo begin december 2016 een akkoord met haar banken bereikt voor een stand-still tot eind april 2017. De groep heeft toen ook aangekondigd zich te beraden over haar strategische opties. In die context heeft Groupe Flo in de maand februari 2017 niet-bindende biedingen ontvangen voor de aankoop van bepaalde activa of met betrekking tot investeringen in het kapitaal van Groupe Flo. Dergelijke operaties, waar nog verschillende voorwaarden aan zijn verbonden, zullen desgevallend ook een akkoord vergen over het herstructureren van de bankschulden.
Omwille van de onzekerheid die samenhangt met de hierboven beschreven evoluties, had Groupe Flo bij het vastleggen van de geconsolideerde jaarcijfers 2016 van AvH haar jaarrekening nog niet vastgelegd. AvH heeft op jaareinde 2016 haar (indirect) aandelenbezit in Groupe Flo gewaardeerd op de beurskoers per einde 2016.
Partners for Sustainable Growth
• EPRA-winst: Nettoresultaat met uitsluiting van het portefeuilleresultaat en de variaties in reële waarde van de niet-effectieve rente-indekkingen, voorheen netto courant resultaat.
• Huurrendement op basis van reële waarde: Voor de berekening van het huurrendement worden enkel de gebouwen in exploitatie in aanmerking genomen, exclusief de projecten en de activa bestemd voor verkoop.
Partners for Sustainable Growth
STAAT VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN
116 KASSTROOMOVERZICHT
117 MUTATIEOVERZICHT VAN HET GECONSOLIDEERD EIGEN VERMOGEN
| 1. | Waarderingsregels 118 | |
|---|---|---|
| 2. | Dochterondernemingen en gemeen | |
| schappelijke dochterondernemingen 123 | ||
| 3. | Geassocieerde deelnemingen 129 | |
| 4. | Bedrijfsacquisities en -verkopen 131 | |
| 5. | Segmentinformatie 133 | |
| 6. | Immateriële vaste activa 145 | |
| 7. | Goodwill 146 | |
| 8. | Materiële vaste activa 146 | |
| 9. | Vastgoedbeleggingen gewaardeerd | |
| aan reële waarde 148 | ||
| 10. Ondernemingen waarop de vermogens | ||
| mutatiemethode is toegepast 149 | ||
| 11. Financiële activa 150 | ||
| 12. Banken - vorderingen op | ||
| kredietinstellingen & cliënten 156 | ||
| 13. Voorraden en onderhanden | ||
| projecten in opdracht van derden 157 | ||
| 14. Minderheidsbelangen 158 | ||
| 15. Leasing 160 | ||
| 16. Voorzieningen 160 | ||
| 17. Financiële schulden 161 | ||
| 18. Banken - schulden aan krediet | ||
| instellingen, cliënten & obligaties 162 | ||
| 19. Financiële instrumenten 164 | ||
| 20. Belastingen 166 | ||
| 21. Aandelenoptieplannen 167 | ||
| 22. Niet in de balans opgenomen | ||
| rechten en verplichtingen 168 | ||
| 23. Tewerkstelling 169 | ||
| 24. Pensioenverplichtingen 169 | ||
| 25. Verbonden partijen 171 | ||
| 26. Winst per aandeel 173 | ||
| 27. Voorgestelde en uitgekeerde dividenden173 | ||
175 ENKELVOUDIGE JAARREKENING
179 COMMENTAREN BIJ DE ENKELVOUDIGE JAARREKENING
De geconsolideerde jaarrekening van AvH is opgemaakt conform de International Financial Reporting Standards en IFRIC interpretaties van kracht per 31 december 2016, zoals goedgekeurd door de Europese Commissie.
| (€ 1.000) | Toelichting | 2016 | 2015 |
|---|---|---|---|
| Bedrijfsopbrengsten | 3.649.117 | 4.011.231 | |
| Verrichting van diensten | 179.897 | 156.934 | |
| Leasingopbrengsten | 8.546 | 8.607 | |
| Vastgoedopbrengsten | 179.314 | 119.053 | |
| Rente-opbrengsten bancaire activiteiten | 106.615 | 116.083 | |
| Vergoedingen en commissies bancaire activiteiten | 48.011 | 44.663 | |
| Opbrengsten uit onderhanden projecten in opdracht van derden | 3.020.241 | 3.453.179 | |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 106.493 | 112.712 | |
| Overige exploitatiebaten | 9.782 | 7.869 | |
| Rente op vorderingen financiële vaste activa | 317 | 869 | |
| Dividenden | 9.292 | 6.881 | |
| Overheidssubsidies | 121 | 0 | |
| Overige exploitatiebaten | 52 | 118 | |
| Exploitatielasten (-) | -3.347.785 | -3.702.275 | |
| Grondstoffen en gebruikte hulpstoffen (-) | -1.769.842 | -1.989.833 | |
| Voorraadwijziging handelsgoederen, grond- en hulpstoffen (-) | 25.780 | -13.281 | |
| Rentelasten Bank J.Van Breda & C° (-) | -32.544 | -38.986 | |
| Personeelslasten (-) | 23 | -717.569 | -725.540 |
| Afschrijvingen (-) | -262.910 | -275.012 | |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen (-) | -30.230 | -21.275 | |
| Overige exploitatielasten (-) | -552.702 | -630.028 | |
| Voorzieningen | -7.766 | -8.319 | |
| Winst (verlies) op activa/passiva gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening | 40.587 | 82.463 | |
| Financiële activa voor handelsdoeleinden | 19 | 0 | 0 |
| Vastgoedbeleggingen | 9 | 40.587 | 82.463 |
| Winst (verlies) op de overdracht van activa | 17.635 | 97.281 | |
| Gerealiseerde meer(min)waarde op immateriële en materiële vaste activa | 3.514 | 19.037 | |
| Gerealiseerde meer(min)waarde op vastgoedbeleggingen | 3.584 | 3.231 | |
| Gerealiseerde meer(min)waarde op financiële vaste activa | 9.350 | 73.846 | |
| Gerealiseerde meer(min)waarde op andere activa | 1.188 | 1.167 | |
| Winst (verlies) uit de bedrijfsactiviteiten | 369.337 | 496.569 | |
| Financieringsopbrengsten | 31.433 | 50.709 | |
| Renteopbrengsten | 11.423 | 10.492 | |
| Diverse financiële opbrengsten | 20.010 | 40.216 | |
| Financieringslasten (-) | -90.491 | -108.603 | |
| Rentelasten (-) | -49.546 | -42.970 | |
| Diverse financiële lasten (-) | -40.946 | -65.633 | |
| Afgeleide financiële instrumenten gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening | 19 | 122 | -4.348 |
| Aandeel in de winst (verlies) van ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast | 10 | 108.660 | 110.549 |
| Overige niet-exploitatiebaten | 1.785 | 1.566 | |
| Overige niet-exploitatielasten (-) | 0 | 0 | |
| Winst (verlies) vóór belasting | 420.847 | 546.442 | |
| Winstbelastingen | 20 | -54.794 | -108.046 |
| Uitgestelde belastingen | 13.146 | -50.447 | |
| Belastingen | -67.940 | -57.599 | |
| Winst (verlies) na belasting uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 366.053 | 438.395 | |
| Winst (verlies) na belasting uit bedrijfsactiviteiten die worden beëindigd | 4 | 0 | -1.141 |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 366.053 | 437.254 | |
| Aandeel van het minderheidsbelang | 141.816 | 153.175 | |
| Aandeel van de groep | 224.237 | 284.079 | |
| Winst per aandeel (€) | |||
| 1. Gewone winst (verlies) per aandeel | |||
| 1.1. Uit de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten | 6,77 | 8,58 | |
| 1.2. Uit de voortgezette activiteiten | 6,77 | 8,59 | |
| 2. Verwaterde winst (verlies) per aandeel | |||
| 2.1. Uit de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten | 6,74 | 8,54 | |
| 2.2. Uit de voortgezette activiteiten | 6,74 | 8,56 |
(1) We verwijzen naar de segmentinformatie op pagina 133 t.e.m.144 voor meer uitleg bij de geconsolideerde resultaten.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Winst (verlies) van het boekjaar | 366.053 | 437.254 |
| Aandeel van het minderheidsbelang | 141.816 | 153.175 |
| Aandeel van de groep | 224.237 | 284.079 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -24.305 | 28.706 |
| Elementen die naar de resultatenrekening kunnen geherklasseerd worden in toekomstige periodes | ||
| Wijziging herwaarderingsreserve: effecten beschikbaar voor verkoop | -3.711 | 14.934 |
| Belastingen | 267 | 1.532 |
| -3.444 | 16.466 | |
| Wijziging herwaarderingsreserve: afdekkingsreserve | -5.325 | -19 |
| Belastingen | -1.378 | -684 |
| -6.702 | -703 | |
| Wijziging herwaarderingsreserve: omrekeningsverschillen | -1.622 | 10.770 |
| Elementen die niet naar de resultatenrekening kunnen geherklasseerd worden in toekomstige periodes | ||
| Wijziging herwaarderingsreserve: actuariële winsten (verliezen) te bereiken doel-pensioenplannen | -19.333 | 904 |
| Belastingen | 6.796 | 1.270 |
| -12.536 | 2.174 | |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | 341.748 | 465.960 |
| Aandeel van het minderheidsbelang | 127.414 | 163.277 |
| Aandeel van de groep | 214.335 | 302.683 |
De opname aan marktwaarde van effecten beschikbaar voor verkoop levert 3,4 miljoen euro niet-gerealiseerd verlies op. Dit komt voort uit de boekhoudkundige herwaardering (het betreft immers niet-gerealiseerde meer(min)waarden) van effecten die op 31 december 2016 nog in portefeuille zijn, doch beschikbaar voor verkoop. De negatieve waarde-ontwikkeling wordt verklaard door de afname van de nietgerealiseerde meerwaarden op de beleggingsportefeuille van AvH, bij Leasinvest Real Estate (vnl. aandelen Retail Estates) en Bank J.Van Breda & C°.
Afdekkingsreserves ontstaan door schommelingen in de marktwaarde van indekkingsinstrumenten die door verschillende groepsmaatschappijen werden afgesloten om zich in te dekken tegen bepaalde risico's. Zo hebben meerdere groepsmaatschappijen zich ingedekt tegen een stijging van de interestvoeten. De evolutie van de marktwaarde van deze indekking valt negatief uit over 2016, vooral omwille van de evolutie van deze post bij Leasinvest Real Estate (-10,3 miljoen euro). Daarbij dient opgemerkt dat de marktwaarde van deze indekkingen positief is geëvolueerd in H2 2016. De wijziging van deze herwaarderingsreserve valt bijgevolg minder negatief uit dan dat bijvoorbeeld per 30 juni 2016 het geval was.
Omrekeningsverschillen ontstaan als gevolg van schommelingen in de wisselkoersen van deelnemingen die in vreemde munten rapporteren. Over 2016 vielen de negatieve schommelingen (vnl. GBP en PLN) groter uit dan de positieve (USD), ten belope van -1,6 miljoen euro in totaal.
Sinds de invoering van de gewijzigde IAS19 boekhoudnorm in 2013, worden de actuariële winsten en verliezen op bepaalde pensioenplannen rechtstreeks via de nietgerealiseerde resultaten verwerkt. De negatieve evolutie van 2016 van 12,5 miljoen euro wordt voornamelijk verklaard door actuariële aanpassingen aan de pensioenplannen van DEME (pensioenleeftijd, verwerking vaste bijdragenplannen).
| (€ 1.000) | Toelichting | 2016 | 2015 |
|---|---|---|---|
| I. Vaste activa | 8.523.262 | 7.952.062 | |
| Immateriële vaste activa | 6 | 166.832 | 157.012 |
| Goodwill | 7 | 342.539 | 333.882 |
| Materiële vaste activa | 8 | 2.134.639 | 1.945.772 |
| Terreinen en gebouwen | 475.433 | 231.112 | |
| Installaties, machines en uitrusting | 1.488.867 | 1.587.959 | |
| Meubilair en rollend materieel | 31.411 | 32.120 | |
| Overige materiële vaste activa | 4.364 | 4.100 | |
| Activa in aanbouw en vooruitbetalingen Operationele leasing - als leasinggever (IAS 17) |
134.301 263 |
90.174 306 |
|
| Vastgoedbeleggingen | 9 | 1.010.754 | 955.090 |
| Ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast | 10 | 1.153.300 | 1.137.249 |
| Financiële vaste activa | 11 | 289.146 | 261.386 |
| Voor verkoop beschikbare financiële vaste activa | 113.043 | 101.491 | |
| Vorderingen en borgtochten | 176.103 | 159.894 | |
| Afdekkingsinstrumenten op meer dan één jaar | 19 | 3.576 | 4.228 |
| Vorderingen op meer dan één jaar | 11 | 160.669 | 138.445 |
| Handelsvorderingen | 4.230 | 1.845 | |
| Vorderingen uit financiële lease | 15 | 129.272 | 113.956 |
| Overige vorderingen | 27.167 | 22.644 | |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 20 | 134.236 | 113.272 |
| Banken - vorderingen kredietinstellingen & cliënten op meer dan één jaar | 12 | 3.127.572 | 2.905.726 |
| II. Vlottende activa | 4.247.159 | 4.261.397 | |
| Voorraden | 13 | 114.536 | 98.981 |
| Bedrag verschuldigd door klanten voor onderhanden projecten | 13 | 247.803 | 370.095 |
| Geldbeleggingen | 621.408 | 636.083 | |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | 11 | 621.405 | 636.073 |
| Financiële activa behorend tot de handelsportefeuille (trading) | 3 | 10 | |
| Afdekkingsinstrumenten op ten hoogste één jaar | 19 | 3.551 | 9.455 |
| Vorderingen op ten hoogste één jaar | 11 | 1.405.260 | 1.365.992 |
| Handelsvorderingen | 1.166.164 | 1.149.540 | |
| Vorderingen uit financiële lease | 15 | 47.850 | 43.750 |
| Overige vorderingen | 191.245 | 172.703 | |
| Terug te vorderen belastingen | 20 | 24.429 | 11.748 |
| Banken - vorderingen kredietinstellingen & cliënten op ten hoogste één jaar | 12 | 1.041.064 | 994.336 |
| Banken - interbancaire vorderingen | 74.156 | 85.220 | |
| Banken - leningen en vorderingen (exclusief leasing) | 931.915 | 879.746 | |
| Banken - tegoeden centrale banken | 34.993 | 29.370 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 754.315 | 704.987 | |
| Termijndeposito's tot drie maand | 156.773 | 204.333 | |
| Liquide middelen | 597.542 | 500.654 | |
| Overlopende rekeningen | 34.793 | 69.720 | |
| III. Activa bestemd voor verkoop | 9-10 | 104.637 | 39.587 |
| Totaal der activa | 12.875.059 | 12.253.045 |
De uitsplitsing van de geconsolideerde balans per segment is opgenomen op de pagina's 136-137 van dit rapport. Zoals daaruit blijkt, heeft de integrale consolidatie van Bank J.Van Breda & C° (segment Private Banking) een betekenisvolle impact op zowel het balanstotaal als de balansstructuur van AvH. Bank J.Van Breda & C° draagt 4.992,2 miljoen euro bij tot het balanstotaal van 12.875,1 miljoen euro en ondanks het feit dat deze bank sterk gekapitaliseerd is met een Core Tier 1-ratio van 14,8% zijn haar balansverhoudingen, verklaard vanuit haar activiteit, verschillend van die van de andere bedrijven in de consolidatiekring. Om de leesbaarheid van de geconsolideerde balans te verhogen zijn bepaalde posten afkomstig uit de balans van Bank J.Van Breda & C° in de geconsolideerde balans samengevat.
| I. Totaal eigen vermogen 3.916.348 3.815.612 Eigen vermogen - deel groep 2.783.083 2.607.339 Geplaatst kapitaal 113.907 113.907 Aandelenkapitaal 2.295 2.295 Agio 111.612 111.612 Geconsolideerde reserves 2.682.090 2.496.006 Herwaarderingsreserves 11.915 21.817 Effecten beschikbaar voor verkoop 31.145 32.153 Afdekkingsreserve -18.635 -17.821 Actuariële winsten (verliezen) te bereiken doel-pensioenplannen -11.569 -3.912 Omrekeningsverschillen 10.974 11.397 Ingekochte eigen aandelen (-) 21 -24.830 -24.392 1.208.273 Minderheidsbelang 14 1.133.265 II. Langlopende verplichtingen 2.675.375 2.617.200 Voorzieningen 16 105.989 103.191 Pensioenverplichtingen 24 56.021 45.600 Uitgestelde belastingverplichtingen 20 256.685 217.986 Financiële schulden 17 1.413.303 1.336.904 Leningen van banken 892.811 812.546 Obligatieleningen 434.049 417.040 Achtergestelde leningen 3.344 2.200 Financiële lease-overeenkomsten 79.446 104.083 Overige financiële schulden 3.654 1.035 Langlopende afdekkingsinstrumenten 84.352 85.145 19 Overige schulden 54.346 46.230 Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties 18 704.680 782.144 Banken - deposito's van kredietinstellingen 0 0 Banken - deposito's van klanten 647.175 719.359 Banken - in schuldbewijzen belichaamde schuld 0 3 Banken - achtergestelde verplichtingen 57.505 62.782 III. Kortlopende verplichtingen 6.277.332 5.820.233 Voorzieningen 16 37.865 34.392 Pensioenverplichtingen 24 214 246 Financiële schulden 17 560.632 438.892 Leningen van banken 299.610 274.998 Obligatieleningen 0 0 Financiële lease-overeenkomsten 52.202 17.776 Overige financiële schulden 208.819 146.118 Kortlopende afdekkingsinstrumenten 19 25.147 36.188 Bedragen verschuldigd aan klanten voor onderhanden projecten 13 222.816 212.179 Overige schulden op ten hoogste één jaar 1.573.372 1.582.065 Handelsschulden 1.270.310 1.281.046 Ontvangen vooruitbetalingen 3.814 4.138 Schulden mbt bezoldigingen & sociale lasten 183.864 188.642 Overige schulden 115.384 108.239 Te betalen belastingen 20 51.989 49.603 Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties 18 3.727.271 3.395.076 Banken - deposito's van kredietinstellingen 24.422 42.007 Banken - deposito's van klanten 3.532.914 3.183.127 Banken - in schuldbewijzen belichaamde schulden 161.693 166.179 Banken - achtergestelde verplichtingen 8.242 3.763 Overlopende rekeningen 78.027 71.593 IV. Verplichtingen bestemd voor verkoop 10 6.004 0 Totaal van het eigen vermogen en de verplichtingen 12.875.059 12.253.045 |
(€ 1.000) | Toelichting | 2016 | 2015 |
|---|---|---|---|---|
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| I. Geldmiddelen en kasequivalenten, openingsbalans | 704.987 | 922.226 |
| Winst (verlies) uit de bedrijfsactiviteiten | 369.337 | 496.569 |
| Reclass Winst (verlies) op de overdracht van activa naar cashflow uit desinvesteringen | -25.102 | -97.281 |
| Dividenden van vennootschappen waarop vermogensmutatie is toegepast | 65.608 | 42.548 |
| Overige niet-exploitatiebaten (lasten) | 1.785 | 1.566 |
| Winstbelastingen | -65.173 | -131.986 |
| Aanpassingen voor niet-geldelijke posten | ||
| Afschrijvingen | 262.910 | 275.012 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | 30.171 | 21.183 |
| Aandelenoptieplannen | -1.618 | 2.194 |
| Winst (verlies) op activa/passiva gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening | -40.587 | -82.463 |
| (Afname) toename van voorzieningen | 1.342 | 7.056 |
| (Afname) toename van latente belastingen | -13.146 | 50.447 |
| Andere niet-kaskosten (opbrengsten) | 1.391 | -6.989 |
| Cashflow | 586.920 | 577.855 |
| Afname (toename) van het bedrijfskapitaal | 71.291 | -163.854 |
| Afname (toename) van voorraden en onderhanden projecten | 115.994 | 3.082 |
| Afname (toename) van vorderingen | -37.227 | -111.537 |
| Afname (toename) van vorderingen kredietinstellingen & cliënten (banken) | -265.930 | -332.534 |
| Toename (afname) van schulden (andere dan financiële schulden) | 7.038 | 71.259 |
| Toename (afname) van schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties (banken) | 261.979 | 213.169 |
| Afname (toename) overige | -10.563 | -7.294 |
| Operationele cashflow | 658.211 | 414.001 |
| Investeringen | -1.168.089 | -912.027 |
| Aanschaffing van immateriële en materiële vaste activa | -217.138 | -308.165 |
| Investering in vastgoedbeleggingen | -114.766 | -36.223 |
| Verwerving van financiële vaste activa | -222.562 | -209.509 |
| Nieuwe leningen toegestaan | -81.695 | -19.444 |
| Verwerving van geldbeleggingen | -531.929 | -338.685 |
| Desinvesteringen | 701.601 | 603.454 |
| Desinvesteringen van immateriële en materiële vaste activa | 9.275 | 32.568 |
| Desinvesteringen van vastgoedbeleggingen | 66.146 | 23.974 |
| Overdracht van financiële vaste activa | 51.563 | 206.975 |
| Terugbetaalde leningen | 35.527 | 8.593 |
| Overdracht van geldbeleggingen | 539.090 | 331.344 |
| Investeringscashflow | -466.488 | -308.573 |
| Financiële operaties | ||
| Ontvangen interesten | 11.142 | 9.830 |
| Betaalde interesten | -57.421 | -54.954 |
| Diverse financiële opbrengsten (lasten) | -20.366 | -24.964 |
| Afname (toename) van eigen aandelen | -801 | -4.110 |
| (Afname) toename van financiële schulden | 53.279 | -169.852 |
| Winstverdeling | -64.980 | -60.363 |
| Dividenden uitgekeerd aan derden | -64.717 | -49.172 |
| Financieringscashflow | -143.863 | -353.586 |
| II. Netto toename (afname) in geldmiddelen en kasequivalenten | 47.859 | -248.158 |
| Wijziging consolidatiekring of -methode | 1.814 | 27.857 |
| Kapitaalverhogingen (deel derden) | 275 | 1.799 |
| Wisselkoerswijzigingen op geldmiddelen en kasequivalenten | -620 | 1.263 |
| III. Geldmiddelen en kasequivalenten, slotbalans | 754.315 | 704.987 |
Op pagina 139 van dit verslag is een opsplitsing opgenomen van dit kasstroomoverzicht per segment.
| (€ 1.000) | Herwaarderingsreserves | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aandelenkapitaal & agio |
Geconsolideerde reserves |
beschikbaar voor verkoop Effecten |
Afdekkings- reserves |
(verliezen) te bereiken doel-pensioenplannen Actuariële winsten |
Omrekenings verschillen |
eigen aandelen Ingekochte |
Eigen vermogen - deel groep |
Minderheids belang |
eigen vermogen Totaal |
|
| Beginsaldo, 1 januari 2015 | 113.907 | 2.276.983 | 25.322 | -16.646 | -5.290 | -173 | -22.029 | 2.372.075 | 1.097.172 | 3.469.247 |
| Winst | 284.079 | 284.079 | 153.175 | 437.254 | ||||||
| Niet-gerealiseerde resultaten | 6.831 | -1.175 | 1.378 | 11.569 | 18.604 | 10.102 | 28.706 | |||
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten |
0 | 284.079 | 6.831 | -1.175 | 1.378 | 11.569 | 0 | 302.683 | 163.277 | 465.960 |
| Uitkering dividend vorig boekjaar | -60.363 | -60.363 | -49.172 | -109.535 | ||||||
| Verrichtingen met ingekochte eigen aandelen | -2.363 | -2.363 | -2.363 | |||||||
| Andere (vnl. wijzigingen consolidatiekring / Belangen %) |
-4.693 | -4.693 | -3.004 | -7.697 | ||||||
| Eindsaldo, 31 december 2015 | 113.907 | 2.496.006 | 32.153 | -17.821 | -3.912 | 11.397 | -24.392 | 2.607.339 | 1.208.273 | 3.815.612 |
| (€ 1.000) | Herwaarderingsreserves | |||||||||
| Aandelenkapitaal & agio |
Geconsolideerde reserves |
beschikbaar voor verkoop Effecten |
Afdekkings- reserves |
(verliezen) te bereiken doel-pensioenplannen Actuariële winsten |
Omrekenings verschillen |
eigen aandelen Ingekochte |
Eigen vermogen - deel groep |
Minderheids belang |
eigen vermogen Totaal |
|
| Beginsaldo, 1 januari 2016 | 113.907 | 2.496.006 | 32.153 | -17.821 | -3.912 | 11.397 | -24.392 | 2.607.339 | 1.208.273 | 3.815.612 |
| Winst | 224.237 | 224.237 | 141.816 | 366.053 | ||||||
| Niet-gerealiseerde resultaten | -1.007 | -814 | -7.658 | -423 | -9.902 | -14.402 | -24.305 | |||
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten |
0 | 224.237 | -1.007 | -814 | -7.658 | -423 | 0 | 214.335 | 127.414 | 341.748 |
| Uitkering dividend vorig boekjaar | -64.980 | -64.980 | -64.717 | -129.696 | ||||||
| Verrichtingen met ingekochte eigen aandelen | -438 | -438 | -438 | |||||||
| Andere (vnl. wijzigingen consolidatiekring / Belangen %) |
26.827 | 26.827 | -137.705 | -110.878 |
De toelichting bij de herwaarderingsreserves die, conform de IFRS-regels, rechtstreeks in het eigen vermogen worden verwerkt, is opgenomen op pagina 113 van dit verslag.
Op 1 juni 2016 heeft AvH een dividend uitgekeerd van 1,96 euro per aandeel.
In 2016 heeft AvH in het kader van het aandelenoptieplan ten gunste van het personeel 20.000 eigen aandelen verkocht en 15.000 aandelen gekocht. Op 31 december 2016 stonden in totaal 331.000 aandelenopties uit. Voor de indekking van die verplichting en voor opties die begin 2017 werden aangeboden, had AvH (samen met dochteronderneming Brinvest) in totaal 352.000 aandelen in portefeuille.
Daarnaast werden in het kader van het contract dat AvH met Kepler Cheuvreux afsloot ter ondersteuning van de liquiditeit van het aandeel AvH in 2016 ook nog 341.058 aandelen AvH gekocht en 340.912 verkocht. Deze transacties worden volledig autonoom door Kepler Cheuvreux aangestuurd, maar aangezien ze voor rekening van AvH plaatsvinden, heeft de netto-aankoop van 146 aandelen AvH in dit kader een (beperkte) impact op het eigen vermogen van AvH.
De Post "Andere" in het mutatieoverzicht bestaat voor het overgrote deel uit het negatieve consolidatieverschil van 27,3 miljoen euro dat werd geboekt op de verwerving, per 30 september 2016, van het minderheidsbelang van 26% van NPM Capital in Sofinim. Aangezien AvH op het moment van de transactie Sofinim reeds controleerde wordt dit bedrag rechtstreeks in eigen vermogen erkend.
Het geplaatst maatschappelijk kapitaal bedraagt 2.295.277,90 euro. Het kapitaal is volledig volgestort en wordt vertegenwoordigd door 33.496.904 aandelen zonder vermelding van nominale waarde. We verwijzen naar pagina 180 voor meer informatie omtrent het maatschappelijk kapitaal van AvH.
Eind 2016 beschikte AvH (inclusief subholdings) over een netto cash positie van 68,3 miljoen euro, tegenover 76,3 miljoen euro eind 2015. Naast liquide middelen en deposito's op korte termijn bestaat de thesaurie onder meer uit geldbeleggingen (incl. eigen aandelen) voor 68,0 miljoen euro en uit korte termijnschulden onder de vorm van commercial paper van 30,4 miljoen euro. De netto cash positie van de groep daalt slechts lichtjes ten opzichte van 2015, ondanks de investeringen van het jaar in o.a. Sofinim en Green Offshore/Rentel. We verwijzen naar pagina 140 voor meer details omtrent de netto cash positie van AvH (inclusief Sofinim en subholdings).
Naast de commercial paper-programma's, die AvH de mogelijkheid bieden om in totaal voor 250 miljoen euro commercial paper uit te geven, beschikt AvH per 31/12/2016 over bevestigde kredietlijnen gespreid over verschillende banken voor een bedrag van 280 miljoen euro. AvH hanteert als regel dat geen verbintenissen worden aangegaan of zekerheden worden verstrekt voor verplichtingen van de deelnemingen. Het omgekeerde is trouwens evenmin het geval. Hiervan kan slechts in bijzondere gevallen worden afgeweken.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt conform de International Financial Reporting Standards en IFRIC interpretaties van kracht per 31 december 2016, zoals goedgekeurd door de Europese Commissie.
De toegepaste grondslagen van de financiële verslaggeving zijn consistent met die van het voorgaande boekjaar, met uitzondering van de volgende nieuwe en gewijzigde IFRS-standaarden en IFRIC-interpretaties die van toepassing zijn per 1 januari 2016:
Behalve de wijziging aan IAS 16 Materiële vaste activa en IAS 41 Landbouw – Dragende planten, heeft de toepassing van deze wijzigingen aan de andere bestaande standaarden geen impact gehad op deze of op voorgaande periode en het is ook niet waarschijnlijk dat dit een impact zal hebben op toekomstige periodes.
In november 2015 werden de wijzigingen aan IAS 16 (materiële vaste activa) en IAS 41 (biologische activa – dragende planten) goedgekeurd voor toepassing binnen de Europese Unie vanaf ten laatste 1 januari 2016. Als gevolg hiervan moeten "dragende planten" terug worden gewaardeerd aan de historische kostprijs in plaats van aan reële waarde.
Sipef heeft geopteerd om deze norm vervroegd toe te passen op de rekeningen van het boekjaar 2015 en haar financiële staten van de voorgaande periode te herwerken. In eerste instantie werd geoordeeld dat het gedeelte van de biologische activa die conceptueel nog wel onder IAS 41 – biologische activa vallen - over het algemeen de "groeiende biologische productie" genoemd - niet op een objectieve manier onderscheiden kon worden van de dragende planten en bijgevolg niet op een betrouwbare manier kon gewaardeerd worden aan reële waarde. In de loop van 2016 werd er binnen de palmoliesector een "benchmark" benadering ontwikkeld om de groeiende biologische productie te definiëren als de olie die de palmvruchten bevatten, zodat de reële waarde van deze onderscheidbare activa wel betrouwbaar geschat kan worden. De beperkte impact van deze herwerking bedraagt -0,6 miljoen USD op het netto resultaat (2015) van Sipef en +1,6 miljoen USD op haar eigen vermogen-deel groep. Voor de geconsolideerde financiële staten van AvH (Sipef 27,6% in 2015) is deze wijziging niet materieel; bijgevolg werd de resultatenrekening van AvH 2015 niet herwerkt en de impact over eigen vermogen verwerkt.
Bepaalde nieuwe standaarden en wijzigingen aan bestaande standaarden werden gepubliceerd door de IASB maar waren nog niet verplicht van toepassing voor het boekjaar startend op 1 januari 2016, en werden niet vervroegd toegepast. AvH is van plan deze standaarden en interpretaties toe te passen wanneer ze van kracht worden.
IFRS 15: Ingangsdatum van IFRS 15, van toepassing per 1 januari 2018 • IFRS 16 Leases, van toepassing per 1 januari 2019*
De definitieve versie van IFRS 9 Financiële instrumenten vervangt IAS 39 Financiële instrumenten: Opname en waardering, alsmede alle voorgaande versies van IFRS 9. IFRS 9 brengt alle drie aspecten van het project met betrekking tot de verantwoording van financiële instrumenten samen: classificatie en waardering, bijzondere waardevermindering en hedge accounting. IFRS 9 is van toepassing op boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2018, waarbij vervroegde toepassing is toegestaan. Met uitzondering van hedge accounting is retrospectieve toepassing vereist, maar verstrekking van vergelijkende informatie is niet verplicht. Voor hedge accounting worden de vereisten over het algemeen prospectief toegepast, met een beperkt aantal uitzonderingen.
De gevolgen van herclassificatie worden nog verder doorheen AvH en haar participaties onderzocht, doch verwacht wordt dat de classificatie en waardering van financiële activa in grote mate gelijklopend met IAS 39 zullen zijn. Voor financiële verplichtingen worden geen wijzigingen verwacht.
Met de invoering van IFRS 9 wordt overgestapt van een 'incurred loss' model naar een 'expected loss' model voor wat betreft de bijzonder waarderverminderingen. Onder IFRS 9 dient een voorziening worden aangelegd voor verwachte verliezen bij aanvang van het contract. In het algemeen zullen alle financiële activa een voorziening voor kredietverliezen dragen (mits enkele uitzonderingen). Gezien de kwaliteit van de kredietportefeuille bij Bank J.Van Breda & C° zal de impact op het eigen vermogen zeer beperkt zijn. De andere participaties zullen hun impactanalyse verderzetten. In 2017 zal Bank J.Van Breda & C° de IFRS 9 concepten verder implementeren in de modellen, systemen, processen en governance. Tevens wordt er een parallelle run voorzien.
(III) Verwacht wordt dat de aangepaste hedge accounting regels geen significante impact zullen hebben.
In IFRS 15 wordt een vijfstappenmodel voor de verantwoording van omzet uit contracten met klanten geïntroduceerd. Onder IFRS 15 worden opbrengsten uit hoofde van overdracht van goederen of diensten verantwoord tegen de vergoeding waarop de onderneming verwacht recht te hebben.
De nieuwe standaard vervangt alle bestaande IFRS-vereisten voor opbrengstverantwoording. Voor boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2018 is ofwel een volledige retrospectieve toepassing ofwel een aangepaste retrospectieve toepassing vereist.
AvH zal de nieuwe standaard op de vereiste ingangsdatum in voeren en waarschijnlijk opteren voor de volledig retrospectieve methode. Momenteel zijn de belangrijkste participaties bezig met hun oefening. Uit de eerste analyse blijkt dat de impact eerder beperkt zal zijn. Hoewel de gevolgen van de invoering van IFRS 15 niet gekwantificeerd zijn in dit stadium, verwacht AvH dat het beginsel van de opbrengstenerkenning binnen de contract-activiteiten gelijk zal blijven, alleen de spreiding in de tijd van de inkomsten erkenning kan verschillend zijn voor een aantal specifieke contracten.
IFRS 16 Leases*: deze nieuwe standaard bepaalt de opname, waardering en informatieverstrekking met betrekking tot leasing contracten (1/1/2019) en vervangt IAS 17. Als gevolg hiervan komen alle lease- en huurverplichtingen (zoals huurcontracten met betrekking tot vastgoed) op de balans. Hiervan moet de impact nog worden bepaald.
De geconsolideerde jaarrekening omvat de financiële gegevens van AvH NV, haar dochterondernemingen en gemeenschappelijke dochterondernemingen alsook het aandeel van de groep in de resultaten van de geassocieerde deelnemingen.
Dochterondernemingen zijn entiteiten die door de groep worden gecontroleerd. Er bestaat controle wanneer AvH (a) zeggenschap over de deelneming heeft; (b) is blootgesteld aan, of rechten heeft op variabele opbrengsten tengevolge haar betrokkenheid bij de deelneming; en (c) over de mogelijkheid beschikt haar zeggenschap over de deelneming aan te wenden om de omvang van de opbrengsten te beïnvloeden. De deelnemingen in dochterondernemingen worden integraal geconsolideerd vanaf de datum van verwerving tot het einde van de controle.
De financiële staten van de dochterondernemingen worden opgemaakt voor dezelfde rapporteringsperiode als AvH, waarbij uniforme IFRS waarderingsregels worden gehanteerd. Alle intragroepsverrichtingen en niet gerealiseerde intragroepswinsten en -verliezen op transacties tussen groepsondernemingen worden geëlimineerd. Niet gerealiseerde verliezen worden geëlimineerd tenzij het om een bijzondere waardevermindering gaat.
Ondernemingen die gezamenlijk worden gecontroleerd (gedefinieerd als die entiteiten waarover de groep de gezamenlijke controle heeft, onder meer via het aandeelhouderspercentage of een overeenkomst met één of meerdere mede-aandeelhouders en die als joint venture worden beschouwd) zijn opgenomen op basis van de vermogensmutatie-methode vanaf de datum van verwerving tot het einde van de gezamenlijke controle.
Geassocieerde deelnemingen waarop de groep een aanzienlijke invloed van betekenis heeft, meer bepaald ondernemingen waarin AvH de macht heeft om deel te nemen (zonder controle) aan de financiële en operationele beleidsbeslissingen van de deelneming, worden opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode, vanaf de datum van verwerving tot het einde van de invloed van betekenis.
Volgens de vermogensmutatiemethode worden de deelnemingen oorspronkelijk geboekt tegen kostprijs en wordt de boekwaarde vervolgens aangepast om het aandeel van de groep in de winst of het verlies van de deelneming op te nemen, en dit vanaf de aanschaffingsdatum. De financiële staten van deze ondernemingen worden opgemaakt voor dezelfde rapporteringsperiode als AvH, waarbij uniforme IFRS waarderingsregels worden gehanteerd. Niet gerealiseerde intragroepswinsten en -verliezen op transacties worden geëlimineerd ten belope van het belangenpercentage.
Immateriële vaste activa met een bepaalde levensduur worden gewaardeerd aan kostprijs, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en eventuele bijzondere waardeverminderingen.
Immateriële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de voorziene gebruiksduur. De voorziene gebruiksduur wordt op jaarlijkse basis geëvalueerd, evenals de eventuele restwaarde. De restwaarde wordt verondersteld nul te zijn.
Immateriële vaste activa met een onbepaalde levensduur worden aan kostprijs gewaardeerd. Ze worden niet afgeschreven, maar ondergaan jaarlijks een impairment test en wanneer zich indicaties van een eventuele waardevermindering voordoen.
Kosten voor het opstarten van nieuwe activiteiten worden in resultaat genomen op het moment dat ze zich voordoen.
Onderzoeksuitgaven worden ten laste van het resultaat van het boekjaar genomen. Ontwikkelingsuitgaven die voldoen aan de strenge erkenningscriteria van IAS 38 worden geactiveerd en afgeschreven over de economische levensduur.
De waarderingsregels toegepast bij de verwerking van acquisties van woon- en zorgcentra zijn als volgt:
• Erkenningen en exploitatievergunningen die verworven zijn op het moment van overname worden bij de eerste opname in consolidatie gewaardeerd op basis van hun bedrijfswaarde of reële waarde.
Goodwill is het positieve verschil tussen de kostprijs van de bedrijfscombinatie en het aandeel van de groep in de reële waarde van de verworven activa, de overgenomen verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de dochteronderneming, gemeenschappelijke dochteronderneming of geassocieerde deelneming op het moment van de overname.
Goodwill wordt niet afgeschreven maar ondergaat jaarlijks een test op bijzondere waardeverminderingen en wanneer zich indicaties van een eventuele waardevermindering voordoen.
Materiële vaste activa worden geboekt tegen aanschaffings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en de eventuele bijzondere waardeverminderingen.
Materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de voorziene gebruiksduur. De voorziene gebruiksduur wordt op jaarlijkse basis geëvalueerd, evenals de eventuele restwaarde.
Herstellingsuitgaven voor materiële vaste activa worden ten laste van het resultaat van het boekjaar genomen, tenzij ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectievelijke materiële vaste activa, wat hun activering justifieert.
Activa in aanbouw worden afgeschreven vanaf het moment dat de activa beschikbaar zijn voor gebruik.
Overheidssubsidies worden in de balans gepresenteerd als uitgestelde baten en worden op systematische basis opgenomen in de resultatenrekening als baten over de gebruiksduur van het actief.
Op elke afsluitdatum gaat de groep na of er aanwijzingen zijn dat een actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien dergelijke indicatie aanwezig is, wordt een inschatting gemaakt van de realiseerbare waarde. Wanneer de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde wordt een bijzondere waardevermindering geboekt om de boekwaarde van het actief terug te brengen tot de realiseerbare waarde.
De realiseerbare waarde van een actief wordt gedefinieerd als de hoogste waarde van de reële waarde min verkoopkosten (uitgaande van een niet gedwongen verkoop) of de gebruikswaarde (o.b.v. de actuele waarde van de geschatte toekomstige cashflows). De eruit resulterende bijzondere waardeverminderingen worden ten laste van de resultatenrekening geboekt.
Eerder geboekte waardeverminderingen, behoudens op goodwill en op voor verkoop beschikbare financiële activa, worden via de resultatenrekening teruggenomen wanneer die niet meer geldig zijn.
(groepsvennootschap draagt substantieel alle eigendomsrisico's en -baten)
Bij de aanvang van de leaseperiode worden de activa en verplichtingen in de balans opgenomen aan reële waarde van het geleased actief of indien lager, de contante waarde van de minimale leasebetalingen, zoals bepaald op het tijdstip van de aanvang van de lease. De disconteringsvoet gebruikt bij de berekening van de contante waarde van de minimale leasebetalingen is de impliciete rentevoet van de lease overeenkomst, zo die kan worden bepaald. In het andere geval dient de marginale rentevoet van de leasingnemer worden gebruikt.
(voordelen en risico's blijven substantieel bij de leasinggever)
De leasebetalingen worden opgenomen als lasten op lineaire basis over de leaseperiode, tenzij een andere systematische basis beter het tijdspatroon van de voordelen voor de gebruiker weergeeft.
De financiële leasingcontracten worden in de balans opgenomen onder de lange en korte termijnvorderingen aan de huidige waarde van de toekomstige leasingbetalingen en de al dan niet gegarandeerde residuwaarde. De gelopen rente wordt in het resultaat genomen, berekend aan de impliciete rentevoet.
Acquisitiekosten met betrekking tot leasingcontracten toewijsbaar aan het contract worden gespreid over de looptijd van het contract opgenomen in het resultaat. Acquisitiekosten die niet toewijsbaar zijn aan een contract (supercommissies, bepaalde campagnes) worden onmiddellijk in resultaat genomen.
De operationele leasings betreffen leasings die niet kwalificeren als een financiële leasing. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen operationele leasings die o.b.v. IAS 17 aan kostprijs worden gewaardeerd en operationele leasings die als een vastgoedbelegging worden beschouwd en die o.b.v. IAS 40.33 aan marktwaarde worden gewaardeerd, waardoor de waardeschommelingen in de resultatenrekening zullen opgenomen worden.
Het onderscheid tussen beide soorten hangt af van de berekeningswijze van de optie. Indien de aankoopoptie rekening houdt met de marktwaarde dan zal het contract als een vastgoedbelegging gekwalificeerd worden. In alle andere gevallen worden deze contracten beschouwd als operationele leasings conform IAS 17.
De vastgoedbeleggingen omvatten zowel de gebouwen die verhuurklaar zijn (vastgoedbeleggingen in exploitatie), als de gebouwen in aanbouw of ontwikkeling voor toekomstig gebruik als vastgoedbelegging in exploitatie (projectontwikkelingen).
De vastgoedbeleggingen worden aan reële waarde gewaardeerd, waarbij de waardeschommelingen in de resultatenrekening worden verwerkt. Op basis van schattingsverslagen wordt de reële waarde van verhuurde gebouwen jaarlijks bepaald.
Voor verkoop beschikbare aandelen en effecten worden gewaardeerd aan reële waarde. De reële waardeschommelingen worden in de 'staat van de niet-gerealiseerde resultaten' gerapporteerd, tot verkoop of bijzondere waardevermindering, waarbij de gecumuleerde herwaardering in de resultatenrekening wordt opgenomen. Wanneer de reële waarde van een financieel actief niet betrouwbaar kan worden bepaald, wordt het gewaardeerd aan kostprijs.
Wanneer een daling van de reële waarde van een voor verkoop beschikbaar financieel actief in de 'staat van niet-gerealiseerde resultaten' is erkend en er objectieve duiding van bijzondere waardevermindering aanwezig is, worden de cumulatieve verliezen die voorheen rechtstreeks in de 'staat van niet-gerealiseerde resultaten' werden gerapporteerd, in de resultatenrekening verwerkt.
De reële waardeschommelingen van de 'financiële activa gewaardeerd aan reële waarde via resultaat' worden in de resultatenrekening verwerkt.
De operationele dochterondernemingen binnen de AvH-groep zijn elk verantwoordelijk voor het beheer van hun risico's zoals wisselrisico, interestrisico, kredietrisico, grondstoffenrisico, etc. De risico's, die variëren naargelang de sector waarin de dochterondernemingen actief zijn, worden bijgevolg niet centraal beheerd op groepsniveau. De desbetreffende directies rapporteren evenwel aan hun raad van bestuur of auditcomité over hun risico-indekking.
Op het niveau van AvH en subholdings worden de (voornamelijk intrest)risico's wel centraal beheerd door het AvH Coordination Center. Afgeleide instrumenten worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Na de initiële erkenning worden deze instrumenten opgenomen in de balans aan hun reële waarde, waarbij de wijzigingen in de reële waarde in resultaat worden geboekt tenzij deze instrumenten deel uitmaken van indekkingsverrichtingen.
De waardeschommelingen van een afgeleid financieel instrument dat voldoet aan de strikte voorwaarden voor erkenning als kasstroom-indekking worden opgenomen in de 'staat van niet-gerealiseerde resultaten' voor het effectieve deel. Het ineffectieve deel wordt rechtstreeks in de resultatenrekening geboekt. De indekkingsresultaten worden van de 'staat van niet-gerealiseerde resultaten' naar de resultatenrekening overgeboekt op het moment dat de ingedekte transactie zelf het resultaat beïnvloedt.
Waardeschommelingen van een afgeleid instrument dat formeel toegewezen werd voor de indekking van de veranderingen in de reële waarde van geboekte activa en passiva, worden uitgedrukt in de resultatenrekening samen met de winsten en de verliezen die voortvloeien uit de herwaardering aan reële waarde van het ingedekte bestanddeel. De waardeschommelingen van afgeleide financiële instrumenten die niet als reële-waarde- of kasstroom-indekking erkend zijn, worden onmiddellijk in de resultatenrekening opgenomen.
Financiële schulden en vorderingen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs met behulp van de effectieve-rentemethode.
Handelsvorderingen en overige vorderingen worden gewaardeerd aan nominale waarde, verminderd met eventuele waardeverminderingen voor oninbare vorderingen.
Kas en kasequivalenten, bestaande uit contanten en kortlopende beleggingen, worden in de balans opgenomen tegen nominale waarde.
Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs (aanschaffings- of vervaardigingsprijs) of tegen de netto realiseerbare waarde wanneer deze lager is. De vervaardigingsprijs omvat alle directe en indirecte kosten die nodig zijn om de goederen tot hun afwerkingsstadium op balansdatum te brengen, wat overeenkomt met de geschatte verkoopprijs in normale omstandigheden, verminderd met de afwerkings-, marketing- & distributiekosten (netto realiseerbare waarde). Onderhanden projecten in opdracht van derden worden gewaardeerd volgens de 'Percentage of Completion'-methode, waarbij resultaat erkend wordt a rato van de vooruitgang van de werken. Voorziene verliezen worden evenwel onmiddellijk ten laste van het resultaat geboekt.
Kosten die verband houden met een kapitaaltransactie worden in mindering van het kapitaal gebracht.
Ingekochte eigen aandelen worden aan aanschaffingsprijs in mindering van het eigen vermogen geboekt. Een latere verkoop of vernietiging geeft geen aanleiding tot resultaatsimpact; winsten en verliezen met betrekking tot eigen aandelen worden rechtstreeks in het eigen vermogen geboekt.
Transacties in vreemde valuta worden geboekt tegen de wisselkoers die geldt op datum van de transactie. Positieve en negatieve niet-gerealiseerde omrekeningsverschillen, resulterend uit de omrekening van monetaire activa en passiva aan de slotkoers op balansdatum, worden als opbrengst respectievelijk kost in resultaat genomen.
Op basis van de slotkoersmethode worden de activa en passiva van de geconsolideerde dochteronderneming aan slotkoers geconverteerd terwijl de resultatenrekening aan gemiddelde koers wordt verwerkt, wat resulteert in omrekeningsverschillen rechtstreeks vervat in de 'staat van niet-gerealiseerde resultaten'.
Indien een onderneming van de groep een (wettelijke of indirecte) verplichting heeft tengevolge van een gebeurtenis uit het verleden en het waarschijnlijk is dat de afwikkeling van deze verplichting zal gepaard gaan met een uitgave en het bedrag van deze verplichting tevens op betrouwbare wijze kan bepaald worden, wordt op balansdatum een voorziening aangelegd. Ingeval het verschil tussen de nominale en verdisconteerde waarde materieel is, wordt een voorziening geboekt ten belope van de verdisconteerde waarde van de geschatte uitgaven. De eruit resulterende toename van voorziening a rato van de tijd, wordt als intrestlast geboekt.
Herstructureringsvoorzieningen worden enkel geboekt als de groep formeel een gedetailleerd herstructureringsplan heeft goedgekeurd en als de geplande herstructurering reeds is aangevangen of de personeelsleden getroffen door de herstructurering erover werden geïnformeerd. Voor kosten die betrekking hebben op de normale groepsactiviteiten worden geen voorzieningen aangelegd.
Voor garantieverplichtingen op geleverde producten of diensten en opgeleverde werken wordt op basis van statistische informatie uit het verleden een provisie aangelegd.
Voorwaardelijke vorderingen en verplichtingen worden vermeld in de toelichting 'Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen', indien impact van materieel belang.
De belastingen omvatten zowel belastingen op het resultaat als de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de resultatenrekening geboekt, behalve wanneer het bestanddelen betreft die deel uitmaken van het eigen vermogen en bijgevolg toegewezen worden aan het eigen vermogen. Uitgestelde belastingen worden berekend volgens de balansmethode, toegepast op tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde van de in de balans opgenomen activa en passiva en hun fiscale waarde. De voornaamste tijdelijke verschillen ontstaan uit verschillende afschrijvingsritmes van materiële vaste activa, voorzieningen voor pensioenen en overdraagbare fiscale verliezen. Uitgestelde belastingsverplichtingen worden erkend voor alle belastbare tijdelijke verschillen:
Uitgestelde belastingsvorderingen worden geboekt voor de aftrekbare tijdelijke verschillen en op overgedragen recupereerbare belastingskredieten en fiscale verliezen, in de mate dat het waarschijnlijk is dat er belastbare winsten zijn in de nabije toekomst om het belastingsvoordeel te kunnen genieten. De boekwaarde van de uitgestelde belastingsvorderingen wordt op elke balansdatum nagezien en verminderd in de mate dat het niet langer waarschijnlijk is dat voldoende belastbare winst beschikbaar zal zijn om alle of een gedeelte van de uitgestelde belastingen te kunnen verrekenen. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen moeten worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn op de periode waarin de vordering wordt gerealiseerd of de verplichting wordt afgewikkeld, op basis van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces materieel is afgesloten tegen het eind van de verslagperiode.
De personeelsbeloningen omvatten kortetermijnpersoneelsbeloningen, vergoedingen na uitdiensttreding, andere langetermijnpersoneelsbeloningen, ontslagvergoedingen en beloningen in de vorm van eigen vermogensinstrumenten. De personeelsvergoedingen na uitdiensttreding omvatten pensioenplannen, levensverzekeringen en verzekeringen voor medische bijstand. Pensioenplannen onder vaste bijdrage plannen of te bereiken doel plannen worden verstrekt via afzonderlijke fondsen of verzekeringsplannen. Verder bestaan er nog personeelsbeloningen in de vorm van eigen vermogensinstrumenten.
Binnen de groep hebben diverse dochterondernemingen groepsverzekeringen afgesloten ten voordele van hun personeelsleden. Aangezien voor de Belgische plannen de werkgever kan aangesproken worden om bijkomende betalingen te verrichten in geval het gemiddelde rendement op de werkgeversbijdragen en op de werknemersbijdragen niet wordt gehaald, dienen deze plannen volgens IAS 19 te worden beschouwd als "te bereiken doel"-pensioenplannen. De verplichting wordt gewaardeerd volgens de projected unit credit methode.
De groep telt een aantal te bereiken doel-pensioenplannen waarvoor bijdragen worden betaald aan een afzonderlijk beheerd fonds. De kosten van de te bereiken doelpensioenplannen worden op actuariële wijze bepaald aan de hand van de 'projected unit credit'-methode.
Herwaarderingen, die bestaan uit actuariële winsten en verliezen, het effect van het actiefplafond en het rendement op de fondsbeleggingen, worden rechtstreeks in de balans opgenomen, waarbij een overeenkomstig bedrag ten gunste of ten laste van de ingehouden winst wordt gebracht via de niet-gerealiseerde resultaten in de periode waarin zij zich voordoen. Herwaarderingen worden niet in volgende perioden naar de winst- en verliesrekening overgeboekt.
De pensioenkosten van verstreken diensttijd worden in de winst- en verliesrekening opgenomen op de ingangsdatum van de wijziging of inperking van de pensioenregeling, of, indien dit eerder is, op de datum waarop de groep reorganisatiekosten verantwoordt.
Het rentesaldo wordt berekend door de disconteringsvoet toe te passen op de nettoverplichting of het netto-actief uit hoofde van de te bereiken doel-pensioenplannen en wordt in de geconsolideerde resultatenrekening opgenomen.
Binnen de groep AvH bestaan op verschillende niveau's aandelenoptieplannen, die aan werknemers het recht geven om AvH aandelen of aandelen van bepaalde dochterondernemingen te kopen tegen een vooraf bepaalde prijs. Deze prijs wordt bepaald op moment van toekenning van de opties en is gebaseerd op de marktprijs of de intrinsieke waarde.
De prestaties van de begunstigden worden (op moment van toekenning) gewaardeerd aan de hand van de reële waarde van de toegekende opties en warranten en als kost in de resultatenrekening erkend op het ogenblik van de geleverde prestaties tijdens de vestigingsperiode.
De opbrengsten worden conform de IFRS-normen erkend, rekening houdend met de specifieke activiteiten van elke sector.
De activa, passiva en netto-resultaten van beëindigde bedrijfsactiviteiten worden afzonderlijk in één rubriek gerapporteerd in de geconsolideerde balans en resultatenrekening. Dezelfde rapportering geldt voor activa en passiva bestemd voor verkoop (gewaardeerd tegen de laagste waarde van zijn boekwaarde en zijn reële waarde minus de verkoopkosten).
Er kunnen zich na balansdatum gebeurtenissen voordoen die bijkomende informatie geven over de financiële situatie van de onderneming op balansdatum ('adjusting events'). Deze informatie laat toe schattingen te verbeteren en een betere weerspiegeling te geven van de werkelijke toestand op balansdatum. Deze gebeurtenissen vereisen een aanpassing van de balans en het resultaat. Andere gebeurtenissen na balansdatum worden vermeld in de toelichting indien ze een belangrijke impact kunnen hebben.
De groep berekent zowel de basis als de verwaterde winst per aandeel in overeenstemming met IAS 33. De basis winst per aandeel wordt berekend op basis van het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen tijdens de periode. Verwaterde winst per aandeel wordt berekend volgens het gemiddelde aantal uitstaande aandelen tijdens de periode plus het verwateringseffect van warranten en aandelenopties uitstaande tijdens de periode.
AvH is een gediversifieerde groep actief in volgende kernsectoren:
De segmentinformatie opgenomen in de financiële staten van AvH is opgemaakt in overeenstemming met IFRS 8.
| Naam van de dochteronderneming | Ondernemings nummer |
Maatsch. zetel |
Belangen % 2016 |
Belangen % 2015 |
Minderheids belangen % 2016 |
Minderheids belangen % 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting | ||||||
| CFE (1) | 0400.464.795 | België | 60,40% | 60,40% | 39,60% | 39,60% |
| DEME (1) | 0400.473.705 | België | 60,40% | 60,40% | 39,60% | 39,60% |
| Rent-A-Port | 0885.565.854 | België | 72,18% | 72,18% | 27,82% | 27,82% |
| International Port Engineering and Management (IPEM) | 0441.086.318 | België | 72,18% | 72,18% | 27,82% | 27,82% |
| Infra Asia Consultancy and Project Management | 0891.321.320 | België | 72,18% | 72,18% | 27,82% | 27,82% |
| Rent-A-Port Green Energy (2) | 0832.273.757 | België | 72,18% | 27,82% | ||
| IPEM Holdings | Cyprus | 72,18% | 72,18% | 27,82% | 27,82% | |
| Port Management Development | Cyprus | 72,18% | 72,18% | 27,82% | 27,82% | |
| Infra Asia Consultancy Ltd. | Hong Kong | 72,18% | 72,18% | 27,82% | 27,82% | |
| Rent-A-Port Reclamation | Hong Kong | 72,18% | 72,18% | 27,82% | 27,82% | |
| OK SPM FTZ Enterprise | Nigeria | 72,18% | 72,18% | 27,82% | 27,82% | |
| Société d'Investissement Portuaire de Guinée (3) | Guinée | 50,53% | 49,47% | |||
| Green Offshore (ex-Rent-A-Port Energy) (4) | 0832.273.757 | België | 80,20% | 73,15% | 19,80% | 26,85% |
| Algemene Aannemingen Van Laere | 0405.073.285 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Anmeco | 0458.438.826 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Groupe Thiran | 0425.342.624 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| TPH Van Laere | 43.434.858.544 | Frankrijk | 100,00% | 100,00% | ||
| Vandendorpe | 0417.029.625 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Wefima | 0424.903.055 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Alfa Park | 0834.392.218 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Galiliège (5) | 0550.717.104 | België | 49,00% | 49,00% | 51,00% | 51,00% |
| Private Banking | ||||||
| Bank J.Van Breda & C° | 0404.055.577 | België | 78,75% | 78,75% | 21,25% | 21,25% |
| ABK bank | 0404.456.841 | België | 78,74% | 78,74% | 21,26% | 21,26% |
| Beherman Vehicle Supply | 0473.162.535 | België | 63,00% | 63,00% | 37,00% | 37,00% |
| Finaxis | 0462.955.363 | België | 78,75% | 78,75% | 21,25% | 21,25% |
| Real Estate & Senior Care | ||||||
| Extensa Group | 0425.459.618 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa | 0466.333.240 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa Development | 0446.953.135 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa Istanbul | 566454 / 514036 | Turkije | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa Luxemburg | 1999.2229.988 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa Participations I | 2004.2421.120 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa Participations II | 2004.2421.090 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa Participations III | 2012.2447.996 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa Romania | J40.24053.2007 | Roemenië | 100,00% | 100,00% | ||
| Extensa Slovakia | 36.281.441 | Slowakije | 100,00% | 100,00% | ||
| Grossfeld Developments (6) | 2012.2448.267 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% | ||
| Grossfeld Immobilière | 2001.2234.458 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% | ||
| Grossfeld Participations | 2012.2447.856 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% | ||
| Implant | 0434.171.208 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Leasinvest Finance (fusie met Extensa Group) | 0461.340.215 | België | 100,00% | |||
| Leasinvest Real Estate Management | 0466.164.776 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| RFD | 0405.767.232 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| RFD CEE Venture Capital | 801.966.607 | Nederland | 100,00% | 100,00% | ||
| Project T&T | 0476.392.437 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| T&T Openbaar Pakhuis | 0863.093.924 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| T&T Parking | 0863.091.251 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| T&T Tréfonds | 0807.286.854 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| T&T Services | 0628.634.927 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| T&T Douanehotel (7) | 0406.211.155 | België | 100,00% | |||
| Beekbaarimmo | 19.992.223.718 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% | ||
| UPO Invest | 0473.705.438 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| VAC De Meander (8) | 0628.888.216 | België | 100,00% | 51,00% | 49,00% | |
| Vilvolease | 0456.964.525 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| Leasinvest Real Estate (9) | 0436.323.915 | België | 30,01% | 30,01% | 69,99% | 69,99% |
| Naam van de dochteronderneming | Ondernemingsnummer | Maatsch. zetel |
Belangen % 2016 |
Belangen % 2015 |
Minderheids belangen % 2016 |
Minderheids belangen % 2015 |
|||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Real Estate & Senior Care (vervolg) | |||||||||||
| Anima Care (10) | 0469.969.453 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Gilman | 0870.238.171 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Anima Vera | 0452.357.718 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Engagement | 0462.433.147 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Le Gui | 0455.218.624 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Au Privilège | 0428.283.308 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Huize Philemon & Baucis | 0462.432.652 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Anima Cura | 0480.262.143 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Glamar | 0430.378.904 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Zorgcentrum Lucia | 0818.244.092 | België | 61,67% | 61,67% | 38,33% | 38,33% | |||||
| Résidence Parc des Princes | 0431.555.572 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Résidence St. James | 0428.096.434 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Château d'Awans | 0427.620.342 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Home Scheut | 0458.643.516 | België | 92,50% | 92,50% | 7,50% | 7,50% | |||||
| Le Birmingham | 0428.227.284 | België | 92,50% | 7,50% | |||||||
| Duneroze | 0536.809.777 | België | 92,50% | 7,50% | |||||||
| Zandsteen | 0664.573.823 | België | 92,50% | 7,50% | |||||||
| HPA (ex-Ligno Power) (11) | 0818.090.674 | België | 70,86% | 29,14% | |||||||
| Exploitatie / Vastgoed rusthuizen (11) | |||||||||||
| Residalya / Patrimoine & Santé | 480.081.397 | 484.065.586 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Real Estate / P&S Real Estate | 480.081.819 | 487.599.102 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Inova | 450.720.883 | Frankrijk | 35,57% | 43,89% | 64,43% | 56,11% | |||||
| La Chenaie / Saint Ciers Invest | 343.356.028 | 491.430.781 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Le Jardin Des Loges / Bonnet Invest | 394.806.541 | 485.191.951 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Le Mont Des Landes / Saint Savest | 401.600.481 | 491.485.371 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Les Alysés / Troyes Invest | 527.799.811 | 503.163.123 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Les Portes De Champagne | 338.568.389 | Frankrijk | 70,86% | 87,42% | 29,14% | 12,58% | |||||
| Les Portes De Nimes / Poulx Invest | 423.582.055 | 491.006.300 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Les Portes Du Jardin / Tonnay Invest | 481.193.027 | 479.843.146 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Bésançon / Chazal Invest | 509.668.950 | 505.407.221 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya BL | 534.425.574 | Frankrijk | 70,86% | 87,42% | 29,14% | 12,58% | |||||
| Residalya Courchelettes / Courchelettes Invest | 531.354.801 | 510.895.162 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Dijon / Dijon Invest | 522.014.059 | 510.800.824 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Garons / Garons Invest | 534.425.608 | 808.415.368 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Haute Goulaine / Goulaine Invest | 492.700.885 | 495.191.918 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Le Lavandou / Grand Batailler Invest | 534.860.036 | 510.895.337 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Le Rove / Marseille Le Rove Invest | 490.173.614 | 499.376.457 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Les Rives D'Allier / Pont Du Château Invest |
491.818.779 | 492.578.505 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Orléans / Orléans Invest | 534.476.536 | 519.062.228 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Résidence Automne / Champs Invest | 501.535.371 | 534.103.262 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Séolanes / Seolanes Invest | 501.479.638 | 387.965.502 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya St. Marcel / Saint Marcel Invest | 531.418.564 | 522.169.861 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Villers Semeuse / Villers Semeuse invest |
527.736.441 | 510.800.808 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Residalya Projet 7 | 815.347.711 | Frankrijk | 70,86% | 87,42% | 29,14% | 12,58% | |||||
| Résidence Du Littoral / Saint Augustinvest | 482 162 542 | 491.430.575 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Résidence Marguerite | 950.537.233 | Frankrijk | 70,86% | 87,42% | 29,14% | 12,58% | |||||
| Sogécom | 343.296.760 | Frankrijk | 70,86% | 87,42% | 29,14% | 12,58% | |||||
| SRG / Saint Genis Invest | 398.710.921 | 394.584.742 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 87,42% | 29,14% | 47,78% | 12,58% | ||
| Villa Charlotte | 390.719.193 | Frankrijk | 70,86% | 87,42% | 29,14% | 12,58% | |||||
| La Demeure Du Bois Ardent / Turquoise | 399.793.173 | 394.597.488 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 29,14% | 47,78% | ||||
| Sérénalto | 344.503.545 | Frankrijk | 42,52% | 52,45% | 57,48% | 47,55% | |||||
| Ambroise Paré / Paradin | 395.190.226 | 395.190.374 | Frankrijk | 40,39% | 42,52% | 59,61% | 57,48% | ||||
| Cigma Holding / Cidevim | 789.479.185 | 478 101 025 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 29,14% | 47,78% | ||||
| Cigma De Laval / Cigma du Tertre | 527.946.131 | 511 972 721 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 29,14% | 47,78% | ||||
| Crèche du Tertre / Cigma du Tertre | 528.379.001 | 511 972 721 | Frankrijk | 70,86% | 52,22% | 29,14% | 47,78% |
| Naam van de dochteronderneming | Ondernemings nummer |
Maatsch. zetel |
Belangen % 2016 |
Belangen % 2015 |
Minderheids belangen % 2016 |
Minderheids belangen % 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Energy & Resources | ||||||
| Nationale Maatschappij der Pijpleidingen | 0418.190.556 | België | 75,00% | 75,00% | 25,00% | 25,00% |
| Quinten Matsys | 0424.256.125 | België | 75,00% | 75,00% | 25,00% | 25,00% |
| Canal-Re | 2008 2214 764 | Luxemburg | 75,00% | 75,00% | 25,00% | 25,00% |
| Ligno Power (naamswijziging in HPA) (11) | 0818.090.674 | België | 70,00% | 30,00% | ||
| AvH Resources India | U74300DL2001 PTC111685 |
India | 100,00% | 100,00% | ||
| AvH & Growth Capital | ||||||
| Sofinim (12) | 0434.330.168 | België | 100,00% | 74,00% | 26,00% | |
| Sofinim Luxemburg | 2003.2218.661 | Luxemburg | 100,00% | 74,00% | 26,00% | |
| Agidens International | 0468.070.629 | België | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Agidens Life Sciences | 0411.592.279 | België | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Agidens Infra Automation | 0630.982.030 | België | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Agidens Proces Automation | 0465.624.744 | België | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Agidens Proces Automation BV | 005469272B01 | Nederland | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Agidens Life Sciences BV | 850983411B01 | Nederland | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Agidens Infra Automation BV | 856220024B01 | Nederland | 86,25% | 13,75% | ||
| Agidens Inc | USA | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% | |
| Agidens SAS | 10.813.818.424 | Frankrijk | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Agidens GmbH | 76301 | Duitsland | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Agidens AG | 539301 | Zwitserland | 86,25% | 63,82% | 13,75% | 36,18% |
| Baarbeek Immo | 651.662.133 | België | 86,25% | 13,75% | ||
| Subholdings AvH | ||||||
| Anfima | 0426.265.213 | België | 100,00% | 100,00% | ||
| AvH Coordination Center | 0429.810.463 | België | 99,99% | 99,99% | 0,01% | 0,01% |
| Brinvest | 0431.697.411 | België | 99,99% | 99,99% | 0,01% | 0,01% |
| Profimolux | 1992.2213.650 | Luxemburg | 100,00% | 100,00% |
(1) In het jaarverslag van het beursgenoteerde CFE is de lijst met dochterondernemingen opgenomen. DEME is een 100%-filiaal van CFE.
(2) Begin 2016 werd Rent-A-Port Green Energy opgericht met als doel de on-shore energie-activiteiten van Rent-A-Port voort te zetten, terwijl de offshore-windparticipaties (Rentel, Otary, Seastar en Mermaid) aangehouden worden door "Green Offshore" (Rent-A-Port Energy heeft in 2016 haar naam gewijzigd in Green Offshore).
(3) Société d'Investissement Portuaire de Guinée werd opgericht op 16 juli 2016 met als doel het ontwikkelen van een haven in Guinee voor de uitvoer van bauxiet.
(4) AvH heeft, net zoals CFE, haar participatie in Rent-A-Port Energy verhoogd tot 50%, door het overnemen van het aandeel van het management van Rent-A-Port. Gelijktijdig werd de naam gewijzigd in Green Offshore. Green Offshore bezit deelnemingen in Rentel (12,5% direct en indirect), Otary (12,5%) en de nog te ontwikkelen offshore wind-projecten Seastar en Mermaid.
(5) De integrale consolidatie van Galiliège NV (in het kader van een PPS-project in Luik) vloeit voort uit de aandeelhoudersovereenkomst, die leidt tot een doorslaggevende beslissingsbevoegdheid in hoofde van Van Laere.
(6) Op grond van de aandeelhoudersovereenkomst heeft Extensa economisch slechts recht op 50% van de resultaten van deze vennootschap.
(7) Op de site van Tour & Taxis verwierf Extensa (via haar dochteronderneming Extensa Land II) het voormalige kantoorgebouw (6.511 m² bovengronds) van de douane met de bedoeling dit in synergie met de andere historische gebouwen op de site te herbestemmen. Vervolgens werd de vennootschap Extensa Land II herdoopt tot T&T Douanehotel.
(8) Eind 2016 werd de minderheidsbelang in de vennootschap die het Herman Teirlinckgebouw ontwikkelt (VAC De Meander) verworven.
(9) Het bestuur van Leasinvest Real Estate Comm. VA wordt waargenomen door haar statutaire zaakvoerder Leasinvest Real Estate Management NV, een 100% doch tervennootschap van Extensa Group NV, die op haar beurt een 100% dochtervennootschap is van Ackermans & van Haaren. De raad van bestuur van Leasinvest Real Estate Management kan, overeenkomstig artikel 12 van de statuten, geen beslissing nemen inzake de strategie van de OGVV (openbare gereglementeerde vastgoedvennoot schap) Leasinvest Real Estate zonder de goedkeuring van de meerderheid van de bestuurders benoemd op voordracht van Ackermans & van Haaren of met haar verbonden ven nootschappen. Voor een overzicht van de participaties aangehouden door het beursgenoteerde Leasinvest Real Estate wordt verwezen naar het jaarverslag van LRE.
(10) In het laatste trimester van 2016 rondde Anima Care de overnames af van 'Le Birmingham' (60 bedden, Sint-Jans-Molenbeek) en 'Duneroze' (160 rusthuisbedden, 40 bedden herstelverblijf, Wenduine).
(11) In januari 2016 heeft AvH een bijkomende schijf (16%) in Holding Groupe Duval omgeruild tegen 25% in Patrimoine & Santé. Patrimoine & Santé is een Franse vennootschap die investeert in onroerend goed dat door rusthuisgroep Residalya wordt geëxploiteerd. Vervolgens hebben AvH en leden van het management van Residalya hun respectievelijke belangen in zowel Residalya als in Patrimoine & Santé gegroepeerd onder een nieuwe holdingvennootschap HPA. HPA bezit per einde 2016 100% van het kapitaal van Residalya en 73,7% van Patrimoine & Santé. HPA consolideert deze beide vennootschappen integraal. AvH bezit op haar beurt 70,86% van het kapitaal van HPA en consolideert dit belang integraal.
(12) AvH heeft op 30 september 2016 minderheidsaandeelhouder (26%) NPM Capital bij Sofinim uitgekocht en bezit sindsdien 100% van Sofinim. Aangezien de opvolging en de aansturing van Sofinim en haar deelnemingen volledig is geïntegreerd binnen AvH, wordt dit voortaan ook als één segment gerapporteerd onder de titel "AvH & Growth Capital". AvH nam Sofinim reeds vroeger op volgens integrale consolidatie, met een minderheidsbelang van 26%. De aankoop van dit minderheidsbelang leidt (mechanisch) tot een stijging van het belangenpercentage in de deelnemingen die via Sofinim worden aangehouden. De hogere deelnemingspercentages die daaruit volgen zijn toegepast in de resultatenrekening vanaf Q4 2016.
| 2016 ingen de dochteronderneming Marine Engineering & Contracting Rent-A-Port Consortium Antwerp Port 0817.114.340 België 43,31% 16,69% 4.010 1.168 1.538 11 Rent-A-Port Utilities 0846.410.221 België 36,09% 13,91% 2.194 2.476 0 -291 C.A.P. Industrial Port Land 0556.724.768 België 36,09% 13,91% 1.351 3 0 -9 Infra Asia Investment Fund (1) 648.714.620 België 36,09% 13,91% 32.278 32.208 890 9 S Channel Management Limited Cyprus 36,09% 13,91% 0 74 0 -7 Infra Asia Investment (Dinh Vu) (USD 1.000) (2) Vietnam 40,46% 15,60% 158.475 80.986 40.870 9.023 Algemene Aannemingen Van Laere Parkeren Roeselare 0821.582.377 België 50,00% 8.850 8.385 1.810 71 Parkeren Asse 0836.630.641 België 50,00% 159 77 434 76 Private Banking Asco 0404.454.168 België 50,00% 66.390 54.609 27.794 1.145 BDM 0404.458.128 België 50,00% 20.214 14.947 52.685 47 Delen Investments cva (3) 0423.804.777 België 78,75% 21,25% 2.181.343 1.560.139 313.071 87.877 Real Estate & Senior Care Extensa Group CBS Development 0831.191.317 België 50,00% 29.134 26.298 355 -540 CBS-Invest 0879.569.868 België 50,00% 20.004 12.644 635 114 Delo 1 (4) 2016.2450.523 Luxemburg 50,00% 79.452 69.152 0 10.288 Alto 1 (4) 2016.2450.590 Luxemburg 50,00% 22.494 20.204 0 2.278 DPI 0890.090.410 België 50,00% 1.639 817 50 33 Exparom I 343.081.70 Nederland 50,00% 13.076 14.695 0 -465 CR Arcade J02.2231.18236250 Roemenië 50,00% 11.366 6.417 0 -68 Exparom II 343.081.66 Nederland 50,00% 5.127 5.694 0 -250 SC Axor Europe J40.9671.21765278 Roemenië 50,00% 8.171 9.778 0 -23 Grossfeld PAP 2005.2205.809 Luxemburg 50,00% 48.288 49.596 1.619 876 Les Jardins d'Oisquercq 0899.580.572 België 50,00% 2.696 3.314 16 -237 Immobilière Du Cerf 0822.485.467 België 33,33% 577 -87 0 -55 Top Development 35 899 140 Slowakije 50,00% 12.292 2.613 1.529 -168 TMT Energy (filiaal Top Developm.) 47 474 238 Slowakije 50,00% 1.840 1.972 2.487 244 TMT RWP (filiaal Top Developm.) 47 144 513 Slowakije 50,00% 12.292 2.613 1.529 -168 Energy & Resources Sipef (5) (USD 1.000) 0404.491.285 België 27,83% 615.332 167.269 266.962 39.874 Nationale Maatschappij der Pijpleidingen Napro 0437.272.139 België 37,50% 12,50% 590 181 211 134 Nitraco 0450.334.376 België 37,50% 12,50% 31.051 29.200 2.112 229 Oriental Quarries & Mines (INR miljoen) India 50,00% 693 136 676 -3 U10100DL2008PTC181650 AvH & Growth Capital (6) Amsteldijk Beheer 33.080.456 Nederland 50,00% 3.658 1.473 741 746 Distriplus 0890.091.202 België 50,00% 174.653 123.791 203.841 -2.394 Manuchar 0407.045.751 België 30,00% 538.827 454.813 1.105.746 11.697 Turbo's Hoet Groep 0881.774.936 België 50,00% 277.040 179.475 393.046 9.279 Telemond Consortium (7) België 50,00% 71.882 24.477 69.006 2.176 Subholdings AvH GIB nv 0404.869.783 België 50,00% 16.800 55.098 0 -62.419 |
(€ 1.000) Naam van |
Ondernemings nummer |
Maatsch. zetel |
Belangen % 2016 |
Minderheids belangen % |
Totaal activa |
Totaal verplicht |
Omzet | Netto resultaat |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (€ 1.000) Naam van de dochteronderneming |
Ondernemings nummer |
Maatsch. zetel |
Belangen % 2015 |
Minderheids belangen % 2015 |
Totaal activa |
Totaal verplicht ingen |
Omzet | Netto resultaat |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting | ||||||||
| Rent-A-Port | ||||||||
| Consortium Antwerp Port | 0817.114.340 | België | 43,31% | 16,69% | 3.924 | 1.088 | 2.155 | 100 |
| Rent-A-Port Utilities | 0846.410.221 | België | 36,09% | 13,91% | 2.693 | 2.877 | 0 | -205 |
| C.A.P. Industrial Port Land | 0556.724.768 | België | 36,09% | 13,91% | 1.372 | 15 | 0 | -18 |
| S Channel Management Limited | Cyprus | 36,09% | 13,91% | 0 | 66 | 0 | -8 | |
| Infra Asia Investment (Dinh Vu) (USD 1.000) | Vietnam | 38,36% | 14,79% | 111.679 | 48.548 | 25.570 | 7.509 | |
| Algemene Aannemingen Van Laere | ||||||||
| Parkeren Roeselare | 0821.582.377 | België | 50,00% | 9.219 | 8.863 | 1.856 | 77 | |
| Parkeren Asse | 0836.630.641 | België | 50,00% | 162 | 156 | 341 | -13 | |
| Private Banking | ||||||||
| Asco | 0404.454.168 | België | 50,00% | 64.260 | 53.646 | 32.175 | 248 | |
| BDM | 0404.458.128 | België | 50,00% | 14.746 | 9.569 | 53.631 | 72 | |
| Delen Investments cva | 0423.804.777 | België | 78,75% | 21,25% | 2.090.164 | 1.507.610 | 314.094 | 92.417 |
| Real Estate & Senior Care | ||||||||
| Extensa Group | ||||||||
| CBS Development | 0831.191.317 | België | 50,00% | 27.803 | 24.427 | 606 | 1.868 | |
| CBS-Invest | 0879.569.868 | België | 50,00% | 21.626 | 14.379 | 480 | -1.613 | |
| DPI | 0890.090.410 | België | 50,00% | 1.012 | 223 | 50 | -5 | |
| Exparom I | 343.081.70 | Nederland | 50,00% | 13.066 | 14.220 | 0 | -455 | |
| CR Arcade | J02.2231.18236250 | Roemenië | 50,00% | 11.372 | 6.339 | 0 | -124 | |
| Exparom II | 343.081.66 | Nederland | 50,00% | 5.128 | 5.446 | 0 | -244 | |
| SC Axor Europe | J40.9671.21765278 | Roemenië | 50,00% | 8.251 | 9.841 | 0 | -115 | |
| Grossfeld PAP | 2005.2205.809 | Luxemburg | 50,00% | 55.419 | 57.603 | 383 | 1.296 | |
| Les Jardins d'Oisquercq | 0899.580.572 | België | 50,00% | 2.446 | 2.828 | 23 | -176 | |
| Immobilière Du Cerf | 0822.485.467 | België | 33,33% | 779 | 60 | 0 | -65 | |
| Top Development | 35 899 140 | Slowakije | 50,00% | 12.667 | 2.819 | 675 | -73 | |
| TMT Energy (filiaal Top Developm.) | 47 474 238 | Slowakije | 50,00% | 1.054 | 1.430 | 359 | 155 | |
| TMT RWP (filiaal Top Developm.) | 47 144 513 | Slowakije | 50,00% | 8.907 | 6.318 | 940 | 87 | |
| Holding Groupe Duval (8) | 522734144 | Frankrijk | 37,80% | 71.880 | 6.636 | 0 | 97 | |
| Financière Duval | 401922497 | Frankrijk | 31,10% | 602.431 | 486.400 | 454.653 | 8.142 | |
| Energy & Resources | ||||||||
| Sipef (USD 1.000) | 0404.491.285 | België | 27,65% | 579.032 | 163.603 | 225.935 | 18.708 | |
| Nationale Maatschappij der Pijpleidingen | ||||||||
| Napro | 0437.272.139 | België | 37,50% | 12,50% | 653 | 244 | 208 | 134 |
| Nitraco | 0450.334.376 | België | 37,50% | 12,50% | 12.204 | 10.353 | 1.608 | 232 |
| Oriental Quarries & Mines (INR miljoen) | U10100DL2008PTC181650 | India | 50,00% | 682 | 122 | 445 | -2 | |
| AvH & Growth Capital | ||||||||
| Amsteldijk Beheer | 33.080.456 | Nederland | 37,00% | 13,00% | 3.399 | 1.961 | 550 | 190 |
| Distriplus | 0890.091.202 | België | 37,00% | 13,00% | 173.285 | 120.029 | 203.226 | -13.127 |
| Hermes Finance BV (9) | 63.135.906 | Nederland | 35,15% | 12,35% | 30.184 | 5.297 | 0 | -113 |
| CKT Offshore (9) | 63.140.101 | Nederland | 35,15% | 12,35% | 29.499 | 26.033 | 76.262 | -19.799 |
| Manuchar | 0407.045.751 | België | 22,20% | 7,80% | 538.782 | 461.909 | 1.196.725 | 8.245 |
| Turbo's Hoet Groep | 0881.774.936 | België | 37,00% | 13,00% | 247.639 | 160.754 | 350.573 | 8.425 |
| Telemond Consortium | België | 50,00% | 74.397 | 27.171 | 69.869 | -2.623 | ||
| Financière Flo (9) | 39.349.570.937 | Frankrijk | 33,00% | 80.341 | 111.615 | 0 | -61.861 | |
| Groupe Flo (9) | 09.349.763.375 | Frankrijk | 23,56% | 313.854 | 237.863 | 294.555 | -51.494 | |
| Subholdings AvH | ||||||||
| GIB nv | 0404.869.783 | België | 50,00% | 75.925 | 51.804 | 0 | -17.671 |
(1) Infra Asia Investment Fund werd opgericht met het oog op de uitgifte van een obligatie ter financiering van de ontwikkelingen in Vietnam.
| (€ 1.000) Naam van de dochteronderneming |
Ondernemings- nummer | Maatsch. zetel |
Belangen % 2016 |
Reden van niet-opname in consolidatie |
Totaal activa |
Totaal verplicht ingen |
Omzet | Netto resultaat |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Subholdings AvH | ||||||||
| BOS | 0422.609.402 | België | 100,00% | (1) | 249 | 1 | 0 | -5 |
(1) Investering van te verwaarlozen betekenis (gewaardeerd aan kostprijs).
| (€ 1.000) Naam van de dochteronderneming |
Ondernemings nummer |
Maatsch. zetel |
Belangen % 2016 |
Minderheids belangen % 2016 |
Totaal activa |
Totaal verplicht ingen |
Omzet | Netto resultaat |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting | ||||||||
| Rent-A-Port | ||||||||
| Ontwikkelingsmaatschappij Zuiderzeehaven | Nederland | 12,03% | 4,64% | 11.554 | 4.310 | 1.463 | 1.408 | |
| Zuiderzeehaven | Nederland | 12,03% | 4,64% | 18 | 0 | 84 | 0 | |
| Port of Duqm (OMR 1.000) | Oman | 21,65% | 8,35% | 34.429 | 30.070 | 9.143 | -176 | |
| Duqm Industrial Land Company (OMR 1.000) | Oman | 25,23% | 9,72% | 7.910 | 2.186 | 177 | 24 | |
| Algemene Aannemingen Van Laere | ||||||||
| Lighthouse Parkings | 0875.441.034 | België | 33,33% | 871 | 5 | 554 | -117 | |
| Private Banking | ||||||||
| Bank J.Van Breda & C° | ||||||||
| Finauto | 0464.646.232 | België | 39,38% | 10,63% | 1.711 | 1.450 | 1.304 | 1 |
| Antwerpse Financiële Handelsmaatschappij | 0418.759.886 | België | 39,38% | 10,63% | 863 | 252 | 899 | 360 |
| Financieringsmaatschappij Definco | 0415.155.644 | België | 39,38% | 10,63% | 310 | 3 | 98 | 57 |
| Informatica J.Van Breda & C° | 0427.908.174 | België | 31,50% | 8,50% | 7.604 | 6.402 | 9.985 | 5 |
| Real Estate & Senior Care | ||||||||
| Patrimoine & Santé (1) | 492902101 | Frankrijk | ||||||
| HPA (1) (2) | ||||||||
| Cigma Holding | 789 479 185 | Frankrijk | ||||||
| Cigma De Laval | 527 946 131 | Frankrijk | ||||||
| Crèche du Tertre | 528 379 001 | Frankrijk | ||||||
| Energy & Resources | ||||||||
| Sagar Cements (INR miljoen) (3) |
L26942AP 1981PLC002887 |
India | 19,91% | 13.719 | 7.743 | 7.690 | 216 | |
| AvH & Growth Capital (4) | ||||||||
| Atenor | 0403.209.303 | België | 10,53% | 686.090 | 549.436 | 156.830 | 20.375 | |
| Axe Investments | 0419.822.730 | België | 48,34% | 13.335 | 191 | 718 | 14.898 | |
| Corelio (5) | 0415.969.454 | België | 26,13% | 424.492 | 349.890 | 513.078 | 13.904 | |
| Financière EMG | 801.720.343 | Frankrijk | 22,24% | 289.864 | 273.948 | 318.638 | -4.431 | |
| MediaCore | 0428.604.297 | België | 49,99% | 35.557 | 7.966 | 0 | 3.135 | |
| Transpalux (6) | 582.011.409 | Frankrijk | 45,02% | 23.464 | 14.874 | 29.695 | 1.368 | |
| Agidens International | ||||||||
| Keersluis Limmel Maintenance BV (MTC) | 62058630 | Nederland | 43,12% | 168 | 167 | 140 | 0 | |
| SAS van Vreeswijk (MTC van Beatrix) | 65067096 | Nederland | 17,25% | 479 | 479 | 463 | 0 |
(1) In januari 2016 heeft AvH een bijkomende schijf (16%) in Holding Groupe Duval omgeruild tegen 25% in Patrimoine & Santé. Patrimoine & Santé is een Franse vennootschap die investeert in onroerend goed dat door rusthuisgroep Residalya wordt geëxploiteerd. Vervolgens hebben AvH en leden van het management van Residalya hun respectievelijke belangen in zowel Residalya als in Patrimoine & Santé gegroepeerd onder een nieuwe holdingvennootschap HPA. HPA bezit per einde 2016 100% van het kapitaal van Residalya en 73,7% van Patrimoine & Santé. HPA consolideert deze beide vennootschappen integraal. AvH bezit op haar beurt 70,86% van het kapitaal van HPA en consolideert dit belang integraal.
(2) HPA heeft in 2016 de controle over CIGMA verworven, gelegen in Laval (Mayenne) met integrale consolidatie tot gevolg. CIGMA telt naast een woonzorgcentrum met 60 bedden ook een crèche met 50 wiegen en is eigenaar van het vastgoed.
(3) Het recht van AvH op één vertegenwoordiger in de RvB van Sagar Cements en een vetorecht inzake o.m. statutenwijzigingen en de (aan)verkoop van activiteiten verklaren de opname ervan in de consolidatiekring van AvH. AvH heeft in de loop van 2016 haar deelnemingspercentage in Sagar Cements licht verhoogd tot 19,91%.
(4) AvH heeft op 30 september 2016 minderheidsaandeelhouder (26%) NPM Capital bij Sofinim uitgekocht. De aankoop van dit minderheidsbelang leidt (mechanisch) tot een stijging van het belangenpercentage in de deelnemingen die via Sofinim worden aangehouden. De hogere deelnemingspercentages die daaruit volgen zijn toegepast in de resultatenrekening vanaf Q4 2016.
(5) In 2016 heeft AvH haar deelneming in Corelio verhoogd tot 26,13%.
(6) Sofinim bezit 45% van de aandelen van Transpalux, waarvan de helft verworven werd op basis van een variabele aanschaffingsprijs.
| (€ 1.000) Naam van de geassocieerde deelneming |
Ondernemings nummer |
Maatsch. zetel |
Belangen % 2016 |
Reden van niet-opname in consolidatie |
Totaal activa |
Totaal verplicht ingen |
Omzet | Netto resultaat |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| AvH & Growth Capital | ||||||||
| Nivelinvest | 0430.636.943 | België | 25,00% | (1) | 62.305 | 54.591 | 626 | -690 |
(1) Investering van te verwaarlozen betekenis (gewaardeerd aan kostprijs).
| (€ 1.000) Naam van de geassocieerde deelneming |
Ondernemings- nummer | Maatsch. zetel |
Belangen % 2015 |
Minderheids belangen % 2015 |
Totaal activa |
Totaal verplicht ingen |
Omzet | Netto resultaat |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting | ||||||||
| Rent-A-Port | ||||||||
| Ontwikkelingsmaatschappij Zuiderzeehaven | Nederland | 12,03% | 4,64% | 10.492 | 4.656 | 25 | 19 | |
| Zuiderzeehaven | Nederland | 12,03% | 4,64% | 18 | 0 | 75 | 0 | |
| Port of Duqm (OMR 1.000) | Oman | 21,65% | 8,35% | 29.720 | 25.336 | 4.162 | -175 | |
| Duqm Industrial Land Company (OMR 1.000) | Oman | 25,23% | 9,72% | 1.671 | 1.244 | 70 | -1 | |
| Algemene Aannemingen Van Laere | ||||||||
| Lighthouse Parkings | 0875.441.034 | België | 33,33% | 998 | 13 | 0 | 56 | |
| Private Banking | ||||||||
| Bank J.Van Breda & C° | ||||||||
| Finauto | 0464.646.232 | België | 39,38% | 10,63% | 1.355 | 1.095 | 1.131 | -8 |
| Antwerpse Financiële Handelsmaatschappij | 0418.759.886 | België | 39,38% | 10,63% | 748 | 226 | 631 | 269 |
| Financieringsmaatschappij Definco | 0415.155.644 | België | 39,38% | 10,63% | 299 | 6 | 88 | 43 |
| Informatica J.Van Breda & C° | 0427.908.174 | België | 31,50% | 8,50% | 7.325 | 6.128 | 9.502 | 5 |
| Real Estate & Senior Care | ||||||||
| Residalya - HPA | ||||||||
| Cigma Holding | 789 479 185 | Frankrijk | 29,72% | 4,28% | 2.168 | 1.616 | 0 | -13 |
| Cigma De Laval | 527 946 131 | Frankrijk | 29,72% | 4,28% | 2.185 | 3.220 | 2.556 | -274 |
| Crèche du Tertre | 528 379 001 | Frankrijk | 29,72% | 4,28% | 1.159 | 1.271 | 700 | 257 |
| Patrimoine & Santé | 492902101 | Frankrijk | 22,50% | |||||
| Energy & Resources | ||||||||
| Sagar Cements (INR miljoen) |
L26942AP 1981PLC002887 |
India | 18,55% | 12.733 | 7.282 | 7.524 | 458 | |
| AvH & Growth Capital | ||||||||
| Atenor | 0403.209.303 | België | 7,79% | 2,74% | 552.208 | 425.409 | 116.748 | 19.958 |
| Axe Investments | 0419.822.730 | België | 35,77% | 12,57% | 19.076 | 3.494 | 614 | 402 |
| Corelio | 0415.969.454 | België | 18,69% | 6,57% | 452.376 | 386.332 | 521.898 | 11.379 |
| Financière EMG | 801.720.343 | Frankrijk | 16,45% | 5,78% | 294.614 | 270.699 | 294.000 | -18.803 |
| MediaCore | 0428.604.297 | België | 36,99% | 13,00% | 30.221 | 5.764 | 0 | 3.055 |
| Transpalux | 582.011.409 | Frankrijk | 33,31% | 11,71% | 22.307 | 15.203 | 24.570 | -100 |
| (€ 1.000) Naam van de geassocieerde deelneming |
Ondernemings nummer |
Maatsch. zetel |
Belangen % 2015 |
Reden van niet-opname in consolidatie |
Totaal activa |
Totaal verplicht ingen |
Omzet | Netto resultaat |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting | ||||||||
| Algemene Aannemingen Van Laere | ||||||||
| Proffund (vereffend in 2016) | 0475.296.317 | België | 33,33% | (1) | 411 | 1.038 | 0 | 188 |
| AvH & Growth Capital | ||||||||
| Nivelinvest | 0430.636.943 | België | 25,00% | (1) | 46.405 | 38.002 | 698 | 0 |
(1) Investering van te verwaarlozen betekenis.
| (€ 1.000) | Sofinim | Agidens | Totaal |
|---|---|---|---|
| Financiële activa | 204.856 | 170 | 205.026 |
| Liquide middelen en geldbeleggingen | 287.242 | 8.545 | 295.787 |
| Overige activa | 3.518 | 40.657 | 44.175 |
| Totaal activa | 495.616 | 49.372 | 544.989 |
| Eigen vermogen deel groep | 490.137 | 19.028 | 509.165 |
| Minderheidsbelang | 0 | 3.034 | 3.034 |
| Overige passiva | 5.479 | 27.310 | 32.790 |
| Totaal van het eigen vermogen en verplichtingen | 495.616 | 49.372 | 544.989 |
| Totale activa | 495.616 | 49.372 | 544.989 |
| Totale verplichtingen | -5.479 | -27.310 | -32.790 |
| Minderheidsbelangen | 0 | -3.034 | -3.034 |
| Uitsluiting van herwaarderingsreserves | 3.687 | -226 | 3.461 |
| Netto actief | 493.824 | 18.801 | 512.626 |
| Belangenpercentage | 26,00% | ||
| Netto actief - deel van de groep | 133.294 | ||
| negatieve goodwill | -27.294 | ||
| Aankoopprijs | 106.000 |
AvH heeft op 30 september 2016 minderheidsaandeelhouder (26%) NPM Capital bij Sofinim uitgekocht en bezit sindsdien 100% van Sofinim. Aangezien de opvolging en de aansturing van Sofinim en haar deelnemingen volledig is geïntegreerd binnen AvH, wordt dit voortaan ook als één segment gerapporteerd onder "AvH & Growth Capital". AvH nam Sofinim reeds vroeger op volgens integrale consolidatie, met een minderheidsbelang van 26%. Het verschil van 27,3 miljoen euro tussen de prijs die voor de aankoop van dit minderheidsbelang werd bedongen en de boekwaarde ervan, wordt in de geconsolideerde rekeningen van AvH rechtstreeks in het eigen vermogen verwerkt, aangezien AvH reeds voor deze transactie de controlerende aandeelhouder was van Sofinim.
| (€ 1.000) | HPA | Anima Care | 2016 |
|---|---|---|---|
| Vaste activa | 35.538 | 4.373 | 39.912 |
| Vlottende activa | 6.643 | 1.950 | 8.594 |
| Totaal der activa | 42.182 | 6.323 | 48.505 |
| Eigen vermogen - deel groep | 19.122 | 599 | 19.721 |
| Minderheidsbelang | 1.449 | 0 | 1.449 |
| Langlopende verplichtingen | 16.029 | 953 | 16.982 |
| Kortlopende verplichtingen | 5.582 | 4.772 | 10.354 |
| Totaal van het eigen vermogen en verplichtingen | 42.182 | 6.323 | 48.505 |
| Totale activa | 42.182 | 6.323 | 48.505 |
| Totale verplichtingen | -21.611 | -5.724 | -27.336 |
| Netto actief (100%) | 20.571 | 599 | 21.170 |
| Niet-overgenomen minderheidsbelangen | -3.300 | 0 | -3.300 |
| Netto actief - deel van de groep | 17.270 | 599 | 17.869 |
| Goodwill (na allocatie) | 6.420 | 0 | 6.420 |
| Aanschaffingswaarde | 23.690 | 599 | 24.289 |
De overige bedrijfsacquisities zijn integraal toe te wijzen aan de Senior Care-activiteit. HPA zette in 2016 de uitbouw van haar activiteiten voort. Sinds januari 2016 is het netwerk uitgebreid met La Demeure du Bois Ardent in Saint-Lô (76 bedden) en La Résidence Ambroise Paré (HPA 60%) in Lyon (88 bedden). In juli 2016 ging HPA over tot de volledige integratie van SCI Cigma du Tertre, eigenaar van het gebouwencomplex waarin een woonzorgcentrum met 60 bedden (Le Cigma de Laval) en een bedrijfskinderdagverblijf met 50 bedjes (Crèche du Tertre) worden uitgebaat. Ondertussen werden deze twee centra ook geïntegreerd in het netwerk van HPA.
In november 2016 nam Anima Care Le Birmingham te Sint-Jans-Molenbeek en Duneroze te Wenduine over. Le Birmingham telt 60 rusthuisbedden. Duneroze heeft 160 rusthuisbedden en 40 bedden herstelverblijf in uitbating.
Na allocatie van de overnameprijs aan immateriële en materiële activa bedraagt de goodwill 6,4 miljoen euro.
| (€ 1.000) | 2015 |
|---|---|
| Vaste activa | 3.740 |
| Vlottende activa | 32.690 |
| Totaal der activa | 36.430 |
| Eigen vermogen - deel groep | 12.688 |
| Minderheidsbelang | 0 |
| Langlopende verplichtingen | 1.403 |
| Kortlopende verplichtingen | 22.339 |
| Totaal van het eigen vermogen en verplichtingen | 36.430 |
| Totale activa | 36.430 |
| Totale verplichtingen | -23.742 |
| Minderheidsbelangen | 0 |
| Netto actief | 12.688 |
| Belangenpercentage | 100% |
| Netto actief - deel van de groep | 12.688 |
| Gerealiseerde meerwaarde | 59.794 |
| Verkoopprijs | 72.482 |
In 2015 verkocht Egemin haar Handling Automation-divisie aan de Duitse groep Kion voor een ondernememingswaarde van 72 miljoen euro en realiseerde hierop een meerwaarde op van 59,8 miljoen euro (deel AvH 31,7 miljoen euro). De andere activiteiten van de Egemin-groep (Process automation, Life sciences, Infra automation en Consulting & Services) gaan voortaan onder de nieuwe naam Agidens door het leven. De resultaten van de Handling Automation divisie zijn in de resultatenrekening van 2015 gehergroepeerd in de rubriek "Winst(verlies) na belasting uit bedrijfsactiviteiten die worden beëindigd".
AvH heeft op 30 september 2016 minderheidsaandeelhouder (26%) NPM Capital bij Sofinim uitgekocht en bezit sindsdien 100% van Sofinim, haar "development capital"-dochter. Aangezien de opvolging en de aansturing van Sofinim en haar deelnemingen volledig is geïntegreerd binnen AvH, wordt dit voortaan ook als één segment gerapporteerd onder de titel "AvH & Growth Capital". AvH nam Sofinim reeds vroeger op volgens integrale consolidatie, met een minderheidsbelang van 26%. De aankoop van dit minderheidsbelang leidt (mechanisch) tot een stijging van het belangenpercentage in de deelnemingen die via Sofinim worden aangehouden. De hogere deelnemingspercentages die daaruit volgen zijn toegepast in de resultatenrekening vanaf Q4 2016.
Naar aanleiding van deze wijziging aan de segmentindeling zijn nog enkele andere beperkte aanpassingen doorgevoerd: zo wordt de participatie in Nationale Maatschappij der Pijpleidingen voortaan opgenomen in het segment "Energy & Resources" en behoort de participatie in Telemond nu tot "AvH & Growth Capital". Deze wijzigingen hebben uitsluitend een (beperkte) impact op de presentatie van de segmentrapportering. Er is uiteraard geen enkele impact op de totale resultaten, noch op de balans of cashflow. De segmentrapportering voor 2015 werd op analoge wijze herwerkt.
AvH en CFE hebben hun deelneming in Rent-A-Port Energy verhoogd tot elk 50% door de overname van de participatie die werd aangehouden door het management van Rent-A-Port. Vervolgens werd de naam van de vennootschap gewijzigd in Green Offshore. Op jaareinde 2016 bedraagt het belangenpercentage van AvH in Green Offshore 80,2%.
In januari 2016 heeft AvH een bijkomende schijf (16%) in Holding Groupe Duval omgeruild tegen 25% in Patrimoine & Santé. Patrimoine & Santé is een Franse vennootschap die investeert in het onroerend goed dat door rusthuisgroep Residalya wordt geëxploiteerd. Vervolgens hebben AvH en leden van het management van Residalya hun respectievelijke belangen in zowel Residalya als in Patrimoine & Santé gegroepeerd onder een nieuwe holdingvennootschap HPA. HPA bezit per einde 2016 100% van het kapitaal van Residalya en 73,7% van Patrimoine & Santé. HPA consolideert deze beide vennootschappen integraal. AvH bezit op haar beurt 70,86% van het kapitaal van HPA en consolideert dit belang integraal.
AvH heeft in de loop van 2016 haar deelnemingspercentage in Sipef licht verhoogd tot 27,83%, in Sagar Cements tot 19,91%, en in Corelio tot 26,13%, zonder dat dit evenwel iets gewijzigd heeft aan de consolidatiemethode van deze deelnemingen.
In de rekeningen per 31/12/2016 zijn de deelnemingen die worden aangehouden in Financière Flo/Groupe Flo en in CKT Offshore overgeboekt naar "bestemd voor verkoop". De deelnemingen werden daarbij afgewaardeerd tot marktwaarde.
DEME (integrale consolidatie 60,40%), CFE (integrale consolidatie 60,40%), Rent-A-Port (integrale consolidatie 72,18%), Green Offshore (integrale consolidatie 80,20%) en Van Laere (integrale consolidatie 100%)
Segment 2
Delen Investments CVA (vermogensmutatiemethode 78,75%), Bank J.Van Breda & C° (integrale consolidatie 78,75%), Finaxis (integrale consolidatie 78,75%) en ASCO-BDM (vermogensmutatiemethode 50%)
Segment 3
Extensa (integrale consolidatie 100%), Leasinvest Real Estate (integrale consolidatie 30%), Anima Care (integrale consolidatie 92,5%) en HPA (integrale consolidatie 70,86%). HPA is de nieuwe structuur die 100% bezit van Residalya (exploitatie van rusthuizen) en 73,70% van Patrimoine & Santé (dat vastgoed bezit dat door Residalya wordt geëxploiteerd). Zowel Residalya als Patrimoine & Santé worden door HPA integraal geconsolideerd.
Sipef (vermogensmutatiemethode 27,8%), NMP (integrale consolidatie 75%), AvH India Resources (integrale consolidatie 100%), Sagar Cements (vermogensmutatiemethode 19,9%) en Oriental Quarries & Mines (vermogensmutatiemethode 50%).
Segment 5
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting |
Private Banking |
Real Estate & Senior Care |
Energy & Resources |
AvH & Growth Capital |
Eliminaties tussen segmenten |
Totaal 2016 |
|
| Bedrijfsopbrengsten | 3.051.586 | 164.381 | 341.397 | 13.600 | 80.826 | -2.673 | 3.649.117 |
| Verrichting van diensten | 4.290 | 162.016 | 13.539 | 2.585 | -2.533 | 179.897 | |
| Leasingopbrengsten | 6.956 | 1.590 | 8.546 | ||||
| Vastgoedopbrengsten | 12.186 | 167.128 | 179.314 | ||||
| Rente-opbrengsten bancaire activiteiten | 106.615 | 106.615 | |||||
| Vergoedingen en commissies bancaire activiteiten | 48.011 | 48.011 | |||||
| Opbrengsten uit onderhanden projecten | 2.945.215 | 75.026 | 3.020.241 | ||||
| Overige bedrijfsopbrengsten | 89.895 | 2.799 | 10.663 | 62 | 3.215 | -140 | 106.493 |
| Overige exploitatiebaten | 3.452 | 1.940 | 3.505 | 3 | 1.265 | -383 | 9.782 |
| Rente op vorderingen financiële vaste activa | 117 | 61 | 243 | -104 | 317 | ||
| Dividenden | 3.213 | 1.940 | 3.445 | 3 | 691 | 9.292 | |
| Overheidssubsidies | 121 | 121 | |||||
| Overige exploitatiebaten | 332 | -280 | 52 | ||||
| Exploitatielasten (-) | -2.824.699 | -113.145 | -282.660 | -13.784 | -116.448 | 2.953 | -3.347.785 |
| Grondstoffen en gebruikte hulpstoffen (-) | -1.630.999 | -102.500 | -36.343 | -1.769.842 | |||
| Voorraadwijziging handelsgoederen, grond- en hulpstoffen (-) | 25.515 | 91 | 175 | 25.780 | |||
| Rentelasten Bank J.Van Breda & C° (-) | -32.544 | -32.544 | |||||
| Personeelslasten (-) | -552.777 | -39.275 | -91.692 | -689 | -33.137 | -717.569 | |
| Afschrijvingen (-) | -235.293 | -5.586 | -17.456 | -1.911 | -2.664 | -262.910 | |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen (-) | 242 | -795 | -4.527 | -3.090 | -22.059 | -30.230 | |
| Overige exploitatielasten (-) | -430.449 | -32.289 | -66.359 | -8.095 | -18.463 | 2.953 | -552.702 |
| Voorzieningen | -937 | -2.656 | -216 | -3.957 | -7.766 | ||
| Winst (verlies) op activa/passiva gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening |
22 | 0 | 40.565 | 0 | 0 | 0 | 40.587 |
| Financiële activa voor handelsdoeleinden | 0 | ||||||
| Vastgoedbeleggingen | 22 | 40.565 | 40.587 | ||||
| Winst (verlies) op de overdracht van activa | 12.842 | 835 | 3.877 | 102 | -21 | 0 | 17.635 |
| Gerealiseerde meer(min)waarde op immateriële en materiële vaste activa | 3.420 | -32 | 102 | 24 | 3.514 | ||
| Gerealiseerde meer(min)waarde op vastgoedbeleggingen | 3.584 | 3.584 | |||||
| Gerealiseerde meer(min)waarde op financiële vaste activa | 9.422 | 325 | -398 | 9.350 | |||
| Gerealiseerde meer(min)waarde op andere activa | 835 | 353 | 1.188 | ||||
| Winst (verlies) uit de bedrijfsactiviteiten | 243.202 | 54.011 | 106.685 | -79 | -34.378 | -104 | 369.337 |
| Financieringsopbrengsten | 26.948 | 14 | 3.874 | 20 | 765 | -187 | 31.433 |
| Renteopbrengsten | 8.280 | 14 | 2.801 | 20 | 496 | -187 | 11.423 |
| Diverse financiële opbrengsten | 18.668 | 1.073 | 269 | 20.010 | |||
| Financieringslasten (-) | -63.687 | 0 | -24.995 | -124 | -1.976 | 291 | -90.491 |
| Rentelasten (-) | -33.130 | -16.092 | -111 | -503 | 291 | -49.546 | |
| Diverse financiële lasten (-) | -30.557 | -8.904 | -13 | -1.472 | -40.946 | ||
| Afgeleide financiële instrumenten gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening |
0 | -649 | 771 | 0 | 0 | 122 | |
| Aandeel in de winst (verlies) van de ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast |
1.636 | 88.679 | 5.664 | 10.793 | 1.889 | 108.660 | |
| Overige niet-exploitatiebaten | 0 | 1.429 | 356 | 0 | 0 | 1.785 | |
| Overige niet-exploitatielasten (-) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Winst (verlies) vóór belasting | 208.100 | 143.483 | 92.354 | 10.609 | -33.700 | 0 | 420.847 |
| Winstbelastingen | -30.250 | -18.479 | -4.631 | -645 | -789 | 0 | -54.794 |
| Uitgestelde belastingen | 15.862 | -3.932 | 1.080 | 78 | 58 | 13.146 | |
| Belastingen | -46.112 | -14.547 | -5.710 | -723 | -847 | -67.940 | |
| Winst (verlies) na belasting uit voortgezette bedrijfsactiviteiten |
177.850 | 125.005 | 87.723 | 9.964 | -34.489 | 0 | 366.053 |
| Winst (verlies) na belasting uit bedrijfsactiviteiten die worden beëindigd |
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 177.850 | 125.005 | 87.723 | 9.964 | -34.489 | 0 | 366.053 |
| Aandeel van het minderheidsbelang | 72.658 | 26.498 | 41.547 | 731 | 382 | 141.816 | |
| Aandeel van de groep | 105.192 | 98.506 | 46.176 | 9.234 | -34.872 | 224.237 | |
De bedrijfsopbrengsten dalen in 2016 met 362,1 miljoen euro tegenover vorig jaar. Deze beweging wordt vooral verklaard door dalende bedrijfsopbrengsten (-464,9 miljoen euro) in het segment "Marine Engineering & Contracting" enerzijds en een stijging in "Real Estate & Senior Care" anderzijds. De daling in "Marine Engineering & Contracting" wordt verklaard door het lagere omzetniveau bij DEME, dat zoals verwacht en aangekondigd, in 2016 het recordjaar 2015 (met o.a. de grote werken aan het Suez-kanaal in Egypte) niet kon evenaren. Ook bij CFE dalen de bedrijfsopbrengsten als gevolg van de grotere selectiviteit bij het aannemen van nieuwe contracten, de overdracht van de activiteit burgelijke bouw en de afbouw van haar aanwezigheid op een aantal markten in Afrika en Oost-Europa. De uitbouw van de activiteiten van Anima Care en Residalya in de sector van de ouderenzorg verklaart, samen met de verkopen door Extensa van vastgoed dat wordt ontwikkeld op de sites van Tour & Taxis (Brussel) en op Cloche d'Or in Luxemburg, de stijging van de omzet in "Real Estate & Senior Care". In het segment "AvH & Growth Capital" bestaan de bedrijfsopbrengsten vooral uit de omzet die wordt gerealiseerd door Agidens, aangezien de andere deelnemingen via vermogensmutatie worden verwerkt. In het "Private Banking"-segment moet de evolutie van de rente-opbrengsten uiteraard in samenhang worden gezien met die van de rentelasten. De druk op de netto-rentemarge van Bank J.Van Breda & C° wordt in 2016 meer dan gecompenseerd door de toename van de fee-inkomsten.
De winst (verlies) op activa/passiva gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening van 2015 was voor 60,8 miljoen euro (of 42,1 miljoen euro na belastingseffect) positief beïnvloed door de herwaardering van het historische belang in Tour & Taxis die moest worden uitgedrukt naar aanleiding van de controleverwerving (100%) van de site door uitkoop van de minderheidsaandeelhouders in het begin van dat jaar. De rest (22,1 miljoen euro) van de winst op activa/passiva gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening kwam in 2015 voor rekening van de overige waardeschommelingen in de vastgoedportefeuilles van zowel Extensa als Leasinvest Real Estate. Ook in 2016 evolueerden de reële waarden van dergelijke vastgoedactiva bij Extensa en Leasinvest Real Estate samen met 40,6 miljoen euro in positieve zin, waarvan het overgrote deel voor rekening komt van het project Herman Teirlinck (Extensa) op de site Tour & Taxis, op grond van de verkoopovereenkomst die Extensa met Baloise bereikte.
AvH heeft naar aanleiding van de negatieve evolutie van Groupe Flo gedurende 2016 en in het licht van gesprekken die worden gevoerd met het oog op het aantrekken van nieuwe investeerders en/of het verkopen van bedrijfsonderdelen van Groupe Flo haar blootstelling aan Financière Flo / Groupe Flo met 22,1 miljoen euro gereduceerd in lijn met de beurswaarde van Groupe Flo per 31.12.2016 (0,67 euro per aandeel).
Bijzondere waardeverminderingen werden in 2016 voorts geboekt op de goodwill van AvH op haar deelneming in Oriental Quarries & Mines (3,1 miljoen euro) en van HPA bij de eerste consolidatie van Patrimoine & Santé (4,1 miljoen euro).
In vergelijking met 2015, toen Agidens een meerwaarde op de verkoop van Egemin Handling Automation kon realiseren van 59,8 miljoen euro (deel van de groep 31,7 miljoen euro) en Sofinim haar deelneming verkocht in Hertel, valt de winst op de overdracht van activa in 2016 een stuk lager uit: CFE realiseerde meerwaarden op haar deelnemingen in de PPP-deelnemingen in respectievelijk Locorail (Liefkenshoekspoortunnel) en Coentunnel (Amsterdam). Leasinvest Real Estate rondde de eerder aangekondige verkoop af van het nieuwe kantoorgebouw Royal20 in het Groothertogdom Luxemburg en realiseerde daarop een meerwaarde, bovenop de winst die reeds in voorgaande periodes via aanpassingen van de reële waarde in de resultatenrekening was erkend.
De evolutie van de winst uit de bedrijfsactiviteiten is een combinatie van de vele factoren in de respectievelijke segmenten die hiertoe bijdragen. Maar in de vergelijking met 2015 ligt het grootste verschil in het segment "AvH & Growth Capital", waar de meerwaarden op de verkopen van (vooral) Egemin Handling Automation en Hertel van 2015 wegvallen en er in 2016 integendeel sprake is van bijzondere waardeverminderingen bij Groupe Flo en bij CKT Offshore.
Niettegenstaande de opname in de consolidatiekring van Patrimoine & Santé in 2016, verslechtert het netto financieel resultaat maar licht ten opzichte van vorig jaar.
Ook de winstbijdrage van de ondernemingen waarop vermogensmutatie wordt toegepast komt, hoewel anders samengesteld, toch op een ongeveer gelijk niveau uit in 2016 (108,7 miljoen euro) als dat van 2015 (110,5 miljoen euro).
De winstbelastingen dalen omwille van een lager resultaat voor belastingen, omwille van een lagere belastingsvoet bij DEME die het gevolg is van een andere geografische realisatie van de omzet en van de gedane investeringen en een daling in het vastgoedsegment (in 2015 was er een belangrijke latente belasting op de herwaarderingsmeerwaarde T&T). Daarbij dient opgemerkt dat de bijdrage van de ondernemingen waarop vermogensmutatie wordt toegepast slechts het aandeel van de groep in het nettoresultaat van die ondernemingen weergeeft en de op deze resultaten toegepaste belastingen niet in de geconsolideerde rekeningen van AvH zichtbaar zijn.
De winst van het boekjaar (deel van de groep) komt voor het hele jaar 59,8 miljoen euro lager uit dan in 2015. Het grootste deel van deze negatieve variatie komt voor rekening van het segment "AvH & Growth Capital", waarin zoals hierboven reeds werd toegelicht, de meerwaarden op de verkoop van deelnemingen ontbraken en er integendeel sprake was van negatieve bijdragen en waardeverminderingen op Groupe Flo en CKT Offshore.
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting |
Private Banking |
Real Estate & Senior Care |
Energy & Resources |
AvH & Growth Capital |
Eliminaties tussen segmenten |
Totaal 2016 |
|
| I. Vaste activa | 2.456.874 | 4.050.951 | 1.598.499 | 174.483 | 248.792 | -6.336 | 8.523.262 |
| Immateriële vaste activa | 95.516 | 5.179 | 66.136 | 1 | 166.832 | ||
| Goodwill | 177.060 | 134.247 | 31.232 | 342.539 | |||
| Materiële vaste activa | 1.697.794 | 40.054 | 359.876 | 9.231 | 27.683 | 2.134.639 | |
| Vastgoedbeleggingen | 1.010.754 | 1.010.754 | |||||
| Ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast | 159.540 | 633.263 | 15.933 | 165.113 | 179.450 | 1.153.300 | |
| Financiële vaste activa | 172.125 | 625 | 88.952 | 33.780 | -6.336 | 289.146 | |
| Voor verkoop beschikbare financiële vaste activa | 16.578 | 3 | 88.237 | 8.225 | 113.043 | ||
| Vorderingen en borgtochten | 155.547 | 622 | 715 | 25.554 | -6.336 | 176.103 | |
| Afdekkingsinstrumenten op meer dan één jaar | 510 | 1.481 | 1.584 | 3.576 | |||
| Vorderingen op meer dan één jaar | 26.143 | 105.906 | 23.623 | 4.997 | 160.669 | ||
| Handelsvorderingen | 1.884 | 2.346 | 4.230 | ||||
| Vorderingen uit financiële lease | 105.906 | 23.366 | 129.272 | ||||
| Overige vorderingen | 24.259 | 256 | 2.651 | 27.167 | |||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 128.184 | 2.624 | 409 | 138 | 2.881 | 134.236 | |
| Banken - vorderingen kredietinstellingen & cliënten op meer dan één jaar |
3.127.572 | 3.127.572 | |||||
| II. Vlottende activa | 2.013.435 | 1.708.521 | 375.617 | 32.522 | 155.094 | -38.029 | 4.247.159 |
| Voorraden | 96.613 | 17.516 | 407 | 114.536 | |||
| Bedrag verschuldigd door klanten voor onderhanden projecten | 56.019 | 189.742 | 2.042 | 247.803 | |||
| Geldbeleggingen | 3 | 582.069 | 317 | 39.019 | 621.408 | ||
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | 582.069 | 317 | 39.019 | 621.405 | |||
| Financiële activa behorend tot de handelsportefeuille (trading) | 3 | 3 | |||||
| Afdekkingsinstrumenten op ten hoogste één jaar | 2.324 | 1.227 | 3.551 | ||||
| Vorderingen op ten hoogste één jaar | 1.174.961 | 71.569 | 98.247 | 26.416 | 71.848 | -37.781 | 1.405.260 |
| Handelsvorderingen | 1.105.991 | 34.373 | 4.781 | 22.583 | -1.563 | 1.166.164 | |
| Vorderingen uit financiële lease | 47.303 | 547 | 47.850 | ||||
| Overige vorderingen | 68.970 | 24.266 | 63.327 | 21.635 | 49.265 | -36.218 | 191.245 |
| Terug te vorderen belastingen | 18.954 | 4.515 | 26 | 933 | 24.429 | ||
| Banken - vorderingen kredietinstellingen & cliënten op ten hoogste één jaar |
1.041.064 | 1.041.064 | |||||
| Banken - interbancaire vorderingen | 74.156 | 74.156 | |||||
| Banken - leningen en vorderingen (excl. leasing) | 931.915 | 931.915 | |||||
| Banken - tegoeden centrale banken | 34.993 | 34.993 | |||||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 639.458 | 5.857 | 63.191 | 6.046 | 39.762 | 754.315 | |
| Termijndeposito's tot drie maand | 124.658 | 1 | 4.853 | 27.261 | 156.773 | ||
| Liquide middelen | 514.801 | 5.856 | 58.338 | 6.046 | 12.501 | 597.542 | |
| Overlopende rekeningen | 25.101 | 6.734 | 2.089 | 34 | 1.083 | -248 | 34.793 |
| III. Activa bestemd voor verkoop | 21.416 | 75.191 | 8.031 | 104.637 | |||
| Totaal der activa | 4.491.724 | 5.759.472 | 2.049.307 | 207.005 | 411.917 | -44.366 | 12.875.059 |
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Segmentinformatie - proforma omzet |
Marine Engineering & Contracting |
Private Banking |
Real Estate & Senior Care |
Energy & Resources |
AvH & Growth Capital |
Eliminaties tussen segmenten |
Totaal 2016 |
| Omzet lidstaten van de Europese Unie | 2.050.245 | 476.627 | 328.144 | 55.329 | 664.451 | -2.533 | 3.572.263 |
| Overige landen binnen Europa | 75.206 | 137 | 2.590 | 10.875 | 40.061 | 128.870 | |
| Landen buiten Europa | 836.184 | 0 | 0 | 39.820 | 323.785 | 1.199.789 | |
| Totaal | 2.961.635 | 476.764 | 330.735 | 106.025 | 1.028.297 | -2.533 | 4.900.923 |
De proforma omzet bevat de omzet van alle participaties aangehouden door de AvH-groep en wijkt dus af van de omzet zoals gerapporteerd in de wettelijke IFRS consolidatie, die is opgemaakt op basis van de op pag. 123 t.e.m. 131 gerapporteerde consolidatiekring. In deze proforma voorstelling worden alle (exclusieve) controle-belangen integraal verwerkt en de overige belangen proportioneel.
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine | Private | Real Estate & | Energy & | AvH & | Eliminaties | Totaal | |
| Engineering & Contracting |
Banking | Senior Care | Resources | Growth Capital | tussen segmenten |
2016 | |
| I. Totaal eigen vermogen | 1.550.265 | 1.277.714 | 633.966 | 194.112 | 260.290 | 3.916.348 | |
| Eigen vermogen - deel groep | 947.977 | 1.036.961 | 354.349 | 186.609 | 257.186 | 2.783.083 | |
| Geplaatst kapitaal | 113.907 | 113.907 | |||||
| Aandelenkapitaal | 2.295 | 2.295 | |||||
| Agio | 111.612 | 111.612 | |||||
| Geconsolideerde reserves | 968.111 | 1.032.278 | 354.278 | 167.855 | 159.568 | 2.682.090 | |
| Herwaarderingsreserves | -20.133 | 4.683 | 71 | 18.754 | 8.541 | 11.915 | |
| Effecten beschikbaar voor verkoop | 4.053 | 11.446 | -9 | 15.656 | 31.145 | ||
| Afdekkingsreserve | -4.939 | -337 | -13.282 | -77 | -18.635 | ||
| Actuariële winsten (verliezen) te bereiken doelpensioenplannen | -11.878 | -49 | -19 | -664 | 1.041 | -11.569 | |
| Omrekeningsverschillen | -3.317 | 1.016 | 1.926 | 19.427 | -8.079 | 10.974 | |
| Ingekochte eigen aandelen (-) | -24.830 | -24.830 | |||||
| Minderheidsbelang | 602.287 | 240.753 | 279.617 | 7.503 | 3.104 | 1.133.265 | |
| II. Langlopende verplichtingen | 1.003.847 | 732.951 | 897.578 | 8.354 | 38.981 | -6.336 | 2.675.375 |
| Voorzieningen | 91.968 | 3.588 | 6.297 | 4.135 | 105.989 | ||
| Pensioenverplichtingen | 51.544 | 3.404 | 606 | 407 | 60 | 56.021 | |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 153.792 | 283 | 97.957 | 2.940 | 1.713 | 256.685 | |
| Financiële schulden | 681.798 | 727.785 | 5.008 | 5.049 | -6.336 | 1.413.303 | |
| Leningen van banken | 315.577 | 572.227 | 5.008 | 892.811 | |||
| Obligatieleningen | 303.537 | 130.512 | 434.049 | ||||
| Achtergestelde leningen | 1.294 | 2.050 | 3.344 | ||||
| Financiële lease-overeenkomsten | 51.808 | 22.589 | 5.049 | 79.446 | |||
| Overige financiële schulden | 9.583 | 407 | -6.336 | 3.654 | |||
| Langlopende afdekkingsinstrumenten | 18.988 | 14.148 | 51.215 | 84.352 | |||
| Overige schulden | 5.756 | 6.848 | 13.717 | 28.024 | 54.346 | ||
| Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties | 704.680 | 704.680 | |||||
| Banken - deposito's van kredietinstellingen | 0 | ||||||
| Banken - deposito's van klanten | 647.175 | 647.175 | |||||
| Banken - in schuldbewijzen belichaamde schuld | 0 | ||||||
| Banken - achtergestelde verplichtingen | 57.505 | 57.505 | |||||
| III. Kortlopende verplichtingen | 1.931.608 | 3.748.807 | 517.763 | 4.538 | 112.645 | -38.029 | 6.277.332 |
| Voorzieningen | 37.758 | 34 | 74 | 37.865 | |||
| Pensioenverplichtingen | 206 | 8 | 214 | ||||
| Financiële schulden | 170.021 | 370.673 | 1.440 | 54.715 | -36.218 | 560.632 | |
| Leningen van banken | 107.246 | 190.924 | 1.440 | 299.610 | |||
| Obligatieleningen | 0 | ||||||
| Financiële lease-overeenkomsten | 48.122 | 2.583 | 1.498 | 52.202 | |||
| Overige financiële schulden | 14.653 | 177.166 | 53.218 | -36.218 | 208.819 | ||
| Kortlopende afdekkingsinstrumenten | 23.515 | 1.632 | 25.147 | ||||
| Bedragen verschuldigd aan klanten voor onderhanden projecten | 218.377 | 4.439 | 222.816 | ||||
| Overige schulden op ten hoogste één jaar | 1.393.472 | 13.511 | 112.534 | 2.839 | 52.578 | -1.563 | 1.573.372 |
| Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen |
1.200.026 | 4 | 57.964 2.638 |
1.568 1.176 |
12.311 | -1.563 | 1.270.310 3.814 |
| Schulden mbt bezoldigingen & sociale lasten Overige schulden |
149.279 44.168 |
7.947 5.560 |
17.378 34.554 |
95 | 9.165 31.102 |
183.864 115.384 |
|
| Te betalen belastingen | 32.885 | 1.070 | 17.509 | 156 | 369 | 51.989 | |
| Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties | 3.727.271 | 3.727.271 | |||||
| Banken - deposito's van kredietinstellingen | 24.422 | 24.422 | |||||
| Banken - deposito's van klanten | 3.532.914 | 3.532.914 | |||||
| Banken - in schuldbewijzen belichaamde schuld | 161.693 | 161.693 | |||||
| Banken - achtergestelde verplichtingen | 8.242 | 8.242 | |||||
| Overlopende rekeningen | 55.579 | 5.083 | 16.966 | 103 | 544 | -248 | 78.027 |
| IV. Verplichtingen bestemd voor verkoop | 6.004 | 6.004 | |||||
| Totaal van het eigen vermogen en de verplichtingen | 4.491.724 | 5.759.472 | 2.049.307 | 207.005 | 411.917 | -44.366 | 12.875.059 |
Het balanstotaal van AvH is in 2016 opnieuw aangegroeid en bedraagt per 31.12.2016 12.875,1 miljoen euro. Dat is een stijging met 622,0 miljoen tegenover jaareinde 2015. De stijging situeert zich vooral in de segmenten "Private Banking", waar ze de gestegen commerciële volumes bij Bank J.Van Breda & C° evenals de aangroei van het eigen vermogen van Delen Investments weerspiegelen en in het segment "Real Estate & Senior Care" waar de projecten van Extensa in volle ontwikkeling zijn en waar, als gevolg van de vorming van HPA in 2016, zowel Residalya als Patrimoine & Santé integraal worden geconsolideerd, wat in 2015 voor deze laatste nog niet het geval was.
Zoals ook in voorgaande jaren reeds werd opgemerkt, heeft de integrale consolidatie van het belang in Bank J.Van Breda & C° en het grote balanstotaal van deze deelneming (4.992,2 miljoen euro) in verhouding tot de andere deelnemingen, een zeer betekeninsvolle impact op de presentatie van de geconsolideerde balans van AvH. Een aantal posten uit de balans van Bank J.Van Breda & C° worden samengevat op aparte lijnen om ze beter te kunnen onderscheiden.
De stijging van de materiële vaste activa van 1.945,8 miljoen euro (2015) naar 2.134,6 miljoen op jaareinde 2016 wordt voornamelijk verklaard door de integrale consolidatie (via HPA) van Patrimoine & Santé, dat 220,9 miljoen euro rusthuizen en inrichting bezit.
De stijging van de vastgoedbeleggingen vloeit voort uit de dynamiek van Extensa op de site van Tour & Taxis met de aankoop van het Hôtel des Douanes en de ontwikkeling van het Herman Teirlinck-gebouw. De vastgoedportefeuille van Leasinvest Real Estate vertegenwoordigt 859,9 miljoen euro en kende in 2016 een lichte daling als gevolg van enerzijds de verkoop van de gebouwen Royal20 en Zeutestraat en anderzijds de aankoop van o.a. een shoppingcenter in Oostenrijk.
De stijging van de post "Ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast" betekent dat deze deelnemingen meer winst hebben gerealiseerd dan dat ze dividend hebben uitgekeerd. In 3 segmenten is sprake van een daling omwille van effecten die samenhangen met wijzigingen in de consolidatiekring: zo werd in 2015 de participatie in Patrimoine & Santé nog via vermogensmutatie verwerkt, in tegenstelling tot de integrale consolidatie in 2016 en in het segment "AvH & Growth Capital" werden de deelnemingen in respectievelijk Financière Flo/Groupe Flo en in CKT Offshore overgeboekt naar "bestemd voor verkoop". Een analoge overboeking van een vastgoed-ontwikkelingsvennootschap door CFE verklaart de daling in het segment "Marine Engineering & Contracting".
Onder "Financiele vaste activa beschikbaar voor verkoop" worden o.a. de aandelen Retail Estates die door Leasinvest Real Estate worden aangehouden gerapporteerd, net zoals een beperkt aantal niet-geconsolideerde deelnemingen van AvH en van Green Offshore.
Net zoals in voorgaande jaren, wordt erop gewezen dat de balans van Delen Investments, een deelneming die via vermogensmutatie wordt verwerkt, een belangrijke post "Clienteel" bevat, die op jaareinde 2016 235,5 miljoen euro bedraagt (2015: 239,8 miljoen euro).
De Geldbeleggingen bestaan vooral uit de beleggingsportefeuille van Bank J.Van Breda & C° en in mindere mate uit beleggingen van AvH.
De geldmiddelen en kasequivalenten zijn nog aangegroeid in 2016 en belopen 754,3 miljoen euro per einde 2016, tegenover 705,0 miljoen euro verleden jaar. Een groot deel van die kasmiddelen situeert zich in het segement "Marine Engineering & Contracting". Dit wordt verklaard door de sterke cashgeneratie door DEME in combinatie met enige vertraging bij de scheepswerven waar DEME nieuwe tuigen heeft besteld, waardoor bepaalde betalingen die daarmee samenhangen nog niet verschuldigd waren op jaareinde 2016.
De activa bestemd voor verkoop bestaan vooral uit gebouwen of terreinen die door CFE, Algemene Aannemingen Van Laere en Leasinvest Real Estate worden aangehouden met het oog op de verkoop. Daarnaast wordt hier per jaareinde 2016 ook de laatste schijf (21,8%) van de deelneming in Holding Groupe Duval opgenomen, die begin 2017 conform de daarover gemaakte afspraken is omgeruild in aandelen Patrimoine & Santé, net zoals het belang dat AvH aanhoudt in Financière Flo/Groupe Flo en in CKT Offshore.
Voor toelichting bij de mutaties op het eigen vermogen wordt verwezen naar Toelichting op pagina 117 van dit verslag.
In de voorzieningen is in het segment "Marine Engineering & Contracting" op jaareinde 2016 nog een bedrag opgenomen van 46,3 miljoen euro (2015: 49,3 miljoen euro) voor zgn "voorwaardelijke verplichtingen" die door AvH werden geïdentificeerd bij het verwerven van de controle, einde 2013, over CFE.
De stijging van de Financiële schulden op lange termijn met 76,4 miljoen euro wordt vooral verklaard door de opname in de consolidatiekring van Patrimoine & Santé die haar vastgoedactiva overwegend op lange termijn financiert. In vergelijking tot einde 2015 is de impact van Residalya/Patrimoine & Santé 145,3 miljoen euro. Buiten dit effect van wijziging van consolidatiekring zijn de lange termijn financiële schulden van de groep gedaald.
Door verschillende groepsentiteiten werden obligatieleningen uitgegeven, waaronder CFE (100 miljoen euro), DEME (200 miljoen euro), Leasinvest Real Estate (95 miljoen euro) en HPA (34 miljoen euro).
AvH heeft bij de overname van het 26%-belang dat NPM Capital bezat in Sofinim, een uitgestelde betaling bedongen van 56 miljoen euro, die voor de helft verschuldigd is eind september 2017 en voor de andere helft eind september 2018. Die laatste schijf wordt onder de overige schulden op lange termijn gerapporteerd.
De deposito's van klanten bij Bank J.Van Breda & C° zijn toegenomen in vergelijking tot vorig jaar. De klanten van de Bank hebben in verhouding tot vorig jaar een groter deel daarvan aangehouden onder de vorm van deposito's op korte termijn.
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine | Private | Real Estate & | Energy & | AvH & | Eliminaties | Totaal | |
| Engineering & Contracting |
Banking | Senior Care | Resources | Growth Capital | tussen segmenten |
2016 | |
| I. Geldmiddelen en kasequivalenten, | |||||||
| openingsbalans | 519.386 | 7.292 | 58.691 | 4.984 | 114.633 | 704.987 | |
| Winst (verlies) uit de bedrijfsactiviteiten | 243.202 | 54.011 | 106.685 | -79 | -34.378 | -104 | 369.337 |
| Reclass Winst (verlies) op de overdracht van activa naar cashflow uit desinvesteringen |
-20.309 | -835 | -3.877 | -102 | 21 | -25.102 | |
| Dividenden van vennootschappen waarop vermogensmutatie is toegepast | 15.205 | 45.477 | 409 | 4.518 | 65.608 | ||
| Overige niet-exploitatiebaten (lasten) | 1.429 | 356 | 1.785 | ||||
| Winstbelastingen | -40.629 | -18.479 | -4.631 | -645 | -789 | -65.173 | |
| Aanpassingen voor niet-geldelijke posten | |||||||
| Afschrijvingen | 235.293 | 5.586 | 17.456 | 1.911 | 2.664 | 262.910 | |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | -244 | 902 | 4.364 | 3.090 | 22.059 | 30.171 | |
| Aandelenoptieplannen | -20 | -2.567 | 186 | 784 | -1.618 | ||
| Winst (verlies) op activa/passiva gewaardeerd aan reële waarde via | -22 | -40.565 | -40.587 | ||||
| resultatenrekening (Afname) toename van voorzieningen |
-5.838 | 2.955 | 269 | 3.957 | 1.342 | ||
| (Afname) toename van latente belastingen | -15.862 | 3.932 | -1.080 | -78 | -58 | -13.146 | |
| Andere niet-kaskosten (opbrengsten) | -1.518 | 3.631 | -139 | 16 | -598 | 1.391 | |
| Cashflow | 409.256 | 96.041 | 79.025 | 4.521 | -1.821 | -104 | 586.920 |
| Afname (toename) van het bedrijfskapitaal | 29.221 | -34.342 | 39.265 | 3.346 | 39.332 | -5.531 | 71.291 |
| Afname (toename) van voorraden, onderhanden projecten & ontvangen | |||||||
| vooruitbetalingen | 79.790 | 31.103 | 5.101 | 115.994 | |||
| Afname (toename) van vorderingen | 11.503 | -21.115 | -18.105 | 3.447 | -21.111 | 8.154 | -37.227 |
| Afname (toename) van vorderingen kredietinstellingen & cliënten (banken) | -265.930 | -265.930 | |||||
| Toename (afname) van schulden (andere dan financiële schulden) | -57.528 | -996 | 23.446 | -61 | 55.862 | -13.685 | 7.038 |
| Toename (afname) van schulden aan krediet-instellingen, cliënten & obligaties (banken) |
261.979 | 261.979 | |||||
| Afname (toename) overige | -4.544 | -8.280 | 2.822 | -40 | -521 | -10.563 | |
| Operationele cashflow | 438.477 | 61.699 | 118.290 | 7.867 | 37.511 | -5.634 | 658.211 |
| Investeringen | -299.596 | -537.371 | -206.388 | -4.858 | -119.875 | -1.168.089 | |
| Aanschaffing van immateriële en materiële vaste activa | -192.042 | -5.313 | -16.992 | -268 | -2.522 | -217.138 | |
| Investering in vastgoedbeleggingen | -114.766 | -114.766 | |||||
| Verwerving van financiële vaste activa | -31.196 | -72.618 | -4.590 | -114.158 | -222.562 | ||
| Nieuwe leningen toegestaan | -76.358 | -262 | -2.012 | -3.062 | -81.695 | ||
| Verwerving van geldbeleggingen | -531.796 | -133 | -531.929 | ||||
| Desinvesteringen | 74.707 | 536.288 | 82.040 | 102 | 8.465 | 701.601 | |
| Desinvesteringen van immateriële en materiële vaste activa | 8.604 | 509 | 102 | 59 | 9.275 | ||
| Desinvesteringen van vastgoedbeleggingen | 1.291 | 64.855 | 66.146 | ||||
| Overdracht van financiële vaste activa | 33.551 | 14.875 | 3.137 | 51.563 | |||
| Terugbetaalde leningen | 31.260 | 767 | 3.500 | 35.527 | |||
| Overdracht van geldbeleggingen | 536.288 | 1.033 | 1.769 | 539.090 | |||
| Investeringscashflow | -224.890 | -1.083 | -124.349 | -4.756 | -111.410 | -466.488 | |
| Financiële operaties | |||||||
| Ontvangen interesten | 7.999 | 14 | 2.801 | 20 | 496 | -187 | 11.142 |
| Betaalde interesten | -40.610 | -16.487 | -111 | -503 | 291 | -57.421 | |
| Diverse financiële opbrengsten(lasten) | -12.101 | -7.049 | -13 | -1.203 | -20.366 | ||
| Afname (toename) van eigen aandelen | -801 | -801 | |||||
| (Afname) toename van financiële schulden | 12.626 | 43.418 | -1.444 | -6.852 | 5.531 | 53.279 | |
| Winstverdeling | -64.980 | -64.980 | |||||
| Dividenden uitgekeerd aan derden Financieringscashflow |
-61.355 -93.441 |
-62.065 -62.051 |
-16.468 6.215 |
-1.406 -2.954 |
76.577 2.734 |
5.634 | -64.717 -143.863 |
| II. Netto toename (afname) in geldmiddelen | |||||||
| en kasequivalenten | 120.146 | -1.435 | 156 | 157 | -71.165 | 47.859 | |
| Transfer tussen segmenten Wijziging consolidatiekring of -methode |
456 | 2.335 1.814 |
922 | -3.713 | 0 1.814 |
||
| Kapitaalverhogingen (deel derden) | 88 | 188 | 275 | ||||
| Wisselkoerswijzigingen op geldmiddelen en kasequivalenten | -618 | 8 | -18 | 7 | -620 | ||
| III. Geldmiddelen en kasequivalenten, slotbalans |
639.458 | 5.857 | 63.191 | 6.046 | 39.762 | 754.315 | |
Ondanks het feit dat in 2016 de bedrijfswinst 127,2 miljoen euro lager uitvalt dan over het boekjaar 2015, realiseert AvH geconsolideerd toch een hogere cashflow, die stijgt van 577,9 miljoen euro naar 586,9 miljoen euro. Voor de elementen die de evolutie van de bedrijfswinst verklaren, wordt verwezen naar de geconsolideerde resultatenrekeningen en de toelichtingen daarbij. De stijging van de cashflow in 2016 wordt verklaard door (i) een kleiner bedrag aan winst die voortkomt uit de verkoop van activa (geherclasseerd naar desinvesteringscashflow) en uit waarderingen aan reële waarde via resultatenrekening, (ii) een stijging van de dividenden die werden ontvangen van vennootschappen die volgens vermogensmutatie worden verwerkt en (iii) hogere bijzondere waardeverminderingen ten laste van het resultaat in 2016.
De naar 'desinvesteringscashflow' geherclasseerde winst bedroeg 97,3 miljoen euro in 2015 en was toen hoofdzakelijk afkomstig van de verkoop door Agidens van de Handling Automation divisie van Egemin (waarop 59,8 miljoen euro winst werd gerealiseerd) en van de participatie van Sofinim in Hertel. In 2016 vertegenwoordigden dergelijke meerwaarden 25,1 miljoen euro. Dit bedrag bestaat o.a. uit de meerwaarden die in het segment "Marine Engineering & Contracting" worden gerealiseerd op de desinvesteringen van de belangen in Locorail (CFE), Coentunnel (CFE en DEME) en een deel van het belang in C-Power (DEME).
In lijn met de sterke resultaten die de deelnemingen van AvH hebben gerealiseerd in 2015, keerden de vennootschappen die via vermogensmutatie worden verwerkt 23,1 miljoen euro meer dividenden uit aan AvH en haar dochterondernemingen. De belangrijkste bijdragers (en tevens stijgers) in deze rubriek waren de niet-integraal geconsolideerde dochters van CFE/DEME en Delen Investments.
De bijzondere waardeverminderingen werden toegelicht in de commentaren bij de resultatenrekening, net zoals de winst op activa gewaardeerd aan reële waarde.
Het werkkapitaal van de geconsolideerde groep is in 2016 gedaald voor alle segmenten, uitgezonderd in "Private Banking" waar de kredietverlening sneller steeg dan de deposito's van klanten en interbankenfinanciering. De gedaalde omzet bij vooral DEME en de verkopen van vastgoedontwikkelingen door Extensa leveren de grootste bijdrage tot deze daling.
In 2016 investeerden de integraal geconsolideerde vennootschappen van de AvHgroep in totaal voor 1.168,1 miljoen euro, wat 256,1 miljoen euro meer is dan in 2015. Hoewel investeringen in de vloot van DEME en de overige investeringen doorheen de groep in immateriële en materiële vaste activa op hoog niveau bleven (217,1 miljoen euro in totaal) in 2016, waren er ook grote investeringen in bijkomende vastgoedbeleggingen bij Extensa (in de gebouwen op Tour & Taxis, waaronder het Herman Teirlinck-gebouw en het "Hôtel des douanes" en bij Leasinvest Real Estate (verwerving shoppingcenter in Oostenrijk en bijkomende investeringen aan gebouwen in portefeuille). Ook naar de aankoop van financiële vaste activa gingen in 2016 meer kasmiddelen, met de aankoop van het 26% aandeel dat NPM Capital in Sofinim bezat (waarvan reeds 50 mio betaald en uitgestelde betalingen van telkens 28 miljoen euro in 2017 en 2018), met een verhoging van de participatie in de vennootschap die het Herman Teirlinckgebouw ontwikkelt, met de verwerving van een bijkomende 25% participatie in Patrimoine & Santé begin 2016 en tenslotte met de overname van bijkomende residenties in de ouderenzorg door zowel Anima Care als HPA.
Door de integraal geconsolideerde vennootschappen uit de AvH-groep werden meer vastgoedbeleggingen gedesinvesteerd (66,1 miljoen euro) dan in 2015 (23,9 miljoen euro). Deze verkopen situeren zich vooral in de portefeuille van Leasinvest Real Estate (Royal20-gebouw in Luxemburg, Zeutestraat Mechelen).
De overdracht van financiële vaste activa bedroeg 51,6 miljoen euro en bleef een heel stuk onder de 207,0 miljoen euro van 2015 (toen oa. Hertel, Agidens). De desinvesteringen van 2016 bestaan voornamelijk uit de al eerder vermelde desinvesteringen die uit de operationele cashflow van "Marine Engineering & Contracting" worden overgeboekt en uit de ruil van een bijkomende schijf (16%) in Holding Groupe Duval (dat begin 2016 werd omgeruild tegen aandelen Patrimoine & Santé).
De nieuwe leningen die werden toegestaan (en geen betrekking hebben op de bankactiviteit) situeren zich voornamelijk in het segment "Marine Engineering & Contracting" en houden verband met de financiering van de windprojecten Merkur en Rentel.
De verwerving van geldbeleggingen door Bank J.Van Breda & C° voor 531,8 miljoen euro kadert in het normale beheer van haar beleggingsportefeuille en stemt nagenoeg volledig overeen met de overdracht van geldbeleggingen (536,3 miljoen euro).
Na een sterke reductie van financiële schulden in 2015, stijgen deze terug lichtjes in 2016, vooral als gevolg van de ontwikkelingen in "Real Estate & Senior Care".
De post "dividenden uitgekeerd aan derden" bestaat uit de dividenden die in 2016 werden uitgekeerd buiten de kring, meer bepaald aan de minderheidsaandeelhouders van vnl CFE, Finaxis, Leasinvest Real Estate, Sofinim en Agidens.
| € miljoen | 2016 | 2015 | 2014 | 2013 | 2012 |
|---|---|---|---|---|---|
| Eigen aandelen (2) | 29,0 | 28,4 | 24,5 | 21,2 | 18,4 |
| Overige beleggingen | |||||
| - Portefeuille aandelen | 39,0 | 41,1 | 27,2 | 23,6 | 20,0 |
| - Termijndeposito's | 26,2 | 33,2 | 55,9 | 73,3 | 82,3 |
| Liquide middelen | 5,3 | 5,6 | 6,5 | 6,4 | 6,5 |
| Financiële schulden | -31,2 | -32,0 | -92,7 | -127,6 | -39,3 |
| Nettothesauriepositie | 68,3 | 76,3 | 21,3 | -3,1 | 87,9 |
(1) Bevat de thesaurie en financiële schulden aan kredietinstellingen en t.o.v. financiële markten van de geconsolideerde subholdings opgenomen in het segment 'AvH & Growth Capital' alsook de thesaurie van GIB (50%) en van Finaxis.
(2) In de mate dat de eigen aandelen worden aangehouden voor de indekking van optieverplichtingen, wordt de waarde van de eigen aandelen daarop afgestemd.
Eind 2016 beschikte AvH (inclusief subholdings) over een netto cash positie van 68,3 miljoen euro, tegenover 76,3 miljoen euro eind 2015. Naast liquide middelen en deposito's op korte termijn bestaat de thesaurie onder meer uit geldbeleggingen (incl. eigen aandelen) voor 68,0 miljoen euro en uit korte termijnschulden onder de vorm van commercial paper van 30,4 miljoen euro. De netto cash positie van de groep daalt slechts lichtjes ten opzichte van 2015, ondanks de investeringen van het jaar in o.a. Sofinim en Green Offshore/Rentel.
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & |
Private Banking |
Real Estate & Senior Care |
Energy & Resources |
AvH & Growth Capital |
Eliminaties tussen |
Totaal 2015 |
|
| Contracting | segmenten | ||||||
| Bedrijfsopbrengsten | 3.516.487 | 171.412 | 244.739 | 14.030 | 67.297 | -2.733 | 4.011.231 |
| Verrichting van diensten | 4.422 | 138.558 | 13.970 | 2.579 | -2.595 | 156.934 | |
| Leasingopbrengsten | 7.016 | 1.591 | 8.607 | ||||
| Vastgoedopbrengsten | 27.331 | 91.722 | 119.053 | ||||
| Rente-opbrengsten bancaire activiteiten | 116.083 | 116.083 | |||||
| Vergoedingen en commissies bancaire activiteiten | 44.663 | 44.663 | |||||
| Opbrengsten uit onderhanden projecten | 3.391.250 | 61.930 | 3.453.179 | ||||
| Overige bedrijfsopbrengsten | 93.483 | 3.650 | 12.869 | 59 | 2.788 | -138 | 112.712 |
| Overige exploitatiebaten | 3.952 | 592 | 1.798 | 0 | 2.317 | -791 | 7.869 |
| Rente op vorderingen financiële vaste activa | 250 | 21 | 1.150 | -553 | 869 | ||
| Dividenden | 3.703 | 592 | 1.777 | 810 | 6.881 | ||
| Overheidssubsidies | 0 | ||||||
| Overige exploitatiebaten | 356 | -238 | 118 | ||||
| Exploitatielasten (-) | -3.310.402 | -114.329 | -188.126 | -11.161 | -81.228 | 2.971 | -3.702.275 |
| Grondstoffen en gebruikte hulpstoffen (-) | -1.929.773 | -32.735 | -27.325 | -1.989.833 | |||
| Voorraadwijziging handelsgoederen, grond- en hulpstoffen (-) | -14.340 | 873 | 187 | -13.281 | |||
| Rentelasten Bank J.Van Breda & C° (-) | -38.986 | -38.986 | |||||
| Personeelslasten (-) | -574.337 | -41.503 | -79.717 | -876 | -29.108 | -725.540 | |
| Afschrijvingen (-) | -255.525 | -5.592 | -8.771 | -2.217 | -2.907 | -275.012 | |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen (-) Overige exploitatielasten (-) |
-16.285 -512.618 |
-760 -26.894 |
-1.566 -66.019 |
-8.068 | -2.664 -19.400 |
2.971 | -21.275 -630.028 |
| Voorzieningen | -7.524 | -594 | -191 | -11 | -8.319 | ||
| Winst (verlies) op activa/passiva gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening |
-397 | 0 | 82.860 | 0 | 0 | 0 | 82.463 |
| Financiële activa voor handelsdoeleinden | 0 | ||||||
| Vastgoedbeleggingen | -397 | 82.860 | 82.463 | ||||
| Winst (verlies) op de overdracht van activa | 27.419 | 409 | 498 | 11 | 68.944 | 0 | 97.281 |
| Gerealiseerde meer(min)waarde op immateriële en materiële vaste activa | 18.802 | 210 | 11 | 14 | 19.037 | ||
| Gerealiseerde meer(min)waarde op vastgoedbeleggingen | 2.746 | 485 | 3.231 | ||||
| Gerealiseerde meer(min)waarde op financiële vaste activa | 5.871 | -187 | 68.162 | 73.846 | |||
| Gerealiseerde meer(min)waarde op andere activa | 409 | -10 | 768 | 1.167 | |||
| Winst (verlies) uit de bedrijfsactiviteiten | 237.059 | 58.084 | 141.770 | 2.880 | 57.330 | -553 | 496.569 |
| Financieringsopbrengsten | 46.112 | 43 | 2.055 | 61 | 2.516 | -78 | 50.709 |
| Renteopbrengsten | 8.328 | 43 | 1.227 | 48 | 924 | -78 | 10.492 |
| Diverse financiële opbrengsten | 37.783 | 828 | 13 | 1.592 | 40.216 | ||
| Financieringslasten (-) | -84.195 | 0 | -21.298 | -184 | -3.556 | 631 | -108.603 |
| Rentelasten (-) | -29.261 | -13.123 | -179 | -1.036 | 631 | -42.970 | |
| Diverse financiële lasten (-) | -54.934 | -8.175 | -5 | -2.519 | -65.633 | ||
| Afgeleide financiële instrumenten gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening |
0 | 445 | -4.793 | 0 | 0 | -4.348 | |
| Aandeel in de winst (verlies) van de ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast |
40.148 | 92.603 | -4.646 | 6.150 | -23.705 | 110.549 | |
| Overige niet-exploitatiebaten | 0 | 1.566 | 0 | 0 | 0 | 1.566 | |
| Overige niet-exploitatielasten (-) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Winst (verlies) vóór belasting | 239.124 | 152.740 | 113.087 | 8.906 | 32.585 | 0 | 546.442 |
| Winstbelastingen | -60.263 | -20.646 | -26.018 | -800 | -318 | 0 | -108.046 |
| Uitgestelde belastingen | -24.042 | -5.360 | -21.311 | -243 | 509 | -50.447 | |
| Belastingen Winst (verlies) na belasting uit voortgezette |
-36.221 | -15.286 | -4.707 | -558 | -827 | -57.599 | |
| bedrijfsactiviteiten | 178.860 | 132.094 | 87.069 | 8.106 | 32.267 | 0 | 438.395 |
| Winst (verlies) na belasting uit bedrijfsactiviteiten die worden beëindigd |
0 | 0 | 0 | 0 | -1.141 | -1.141 | |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 178.860 | 132.094 | 87.069 | 8.106 | 31.126 | 0 | 437.254 |
| Aandeel van het minderheidsbelang | 69.629 | 28.114 | 27.900 | 689 | 26.844 | 153.175 | |
| Aandeel van de groep | 109.231 | 103.980 | 59.169 | 7.417 | 4.282 | 284.079 |
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting |
Private Banking |
Real Estate & Senior Care |
Energy & Resources |
AvH & Growth Capital |
Eliminaties tussen segmenten |
Totaal 2015 |
|
| I. Vaste activa | 2.451.187 | 3.777.568 | 1.291.208 | 161.440 | 273.942 | -3.283 | 7.952.062 |
| Immateriële vaste activa | 97.928 | 7.081 | 51.968 | 35 | 157.012 | ||
| Goodwill | 177.113 | 134.247 | 22.522 | 333.882 | |||
| Materiële vaste activa | 1.742.431 | 38.423 | 126.218 | 10.874 | 27.826 | 1.945.772 | |
| Vastgoedbeleggingen | 2.419 | 952.671 | 955.090 | ||||
| Ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast | 166.715 | 593.935 | 22.109 | 150.444 | 204.045 | 1.137.249 | |
| Financiële vaste activa | 138.874 | 364 | 89.692 | 35.739 | -3.283 | 261.386 | |
| Voor verkoop beschikbare financiële vaste activa | 7.729 | 3 | 86.372 | 7.387 | 101.491 | ||
| Vorderingen en borgtochten | 131.145 | 361 | 3.319 | 28.352 | -3.283 | 159.894 | |
| Afdekkingsinstrumenten op meer dan één jaar | 1.381 | 1.251 | 1.597 | 4.228 | |||
| Vorderingen op meer dan één jaar | 20.475 | 90.042 | 24.125 | 3.803 | 138.445 | ||
| Handelsvorderingen | 945 | 900 | 1.845 | ||||
| Vorderingen uit financiële lease | 90.042 | 23.914 | 113.956 | ||||
| Overige vorderingen | 19.530 | 211 | 2.904 | 22.644 | |||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 103.851 | 6.499 | 307 | 122 | 2.493 | 113.272 | |
| Banken - vorderingen kredietinstellingen & cliënten op meer dan één jaar |
2.905.726 | 2.905.726 | |||||
| II. Vlottende activa | 1.990.617 | 1.668.997 | 382.832 | 35.124 | 213.583 | -29.756 | 4.261.397 |
| Voorraden | 80.079 | 18.707 | 194 | 98.981 | |||
| Bedrag verschuldigd door klanten voor onderhanden projecten | 144.836 | 221.034 | 4.226 | 370.095 | |||
| Geldbeleggingen | 10 | 594.926 | 41.146 | 636.083 | |||
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | 594.926 | 41.146 | 636.073 | ||||
| Financiële activa behorend tot de handelsportefeuille (trading) | 10 | 10 | |||||
| Afdekkingsinstrumenten op ten hoogste één jaar | 8.765 | 690 | 9.455 | ||||
| Vorderingen op ten hoogste één jaar | 1.171.301 | 66.318 | 76.104 | 30.101 | 51.696 | -29.528 | 1.365.992 |
| Handelsvorderingen | 1.109.469 | 22.523 | 3.537 | 15.474 | -1.464 | 1.149.540 | |
| Vorderingen uit financiële lease | 43.226 | 524 | 43.750 | ||||
| Overige vorderingen | 61.832 | 23.092 | 53.057 | 26.564 | 36.221 | -28.064 | 172.703 |
| Terug te vorderen belastingen | 8.505 | 2.743 | 28 | 472 | 11.748 | ||
| Banken - vorderingen kredietinstellingen & cliënten op ten hoogste één jaar |
994.336 | 994.336 | |||||
| Banken - interbancaire vorderingen | 85.220 | 85.220 | |||||
| Banken - leningen en vorderingen (excl. leasing) | 879.746 | 879.746 | |||||
| Banken - tegoeden centrale banken | 29.370 | 29.370 | |||||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 519.386 | 7.292 | 58.691 | 4.984 | 114.633 | 704.987 | |
| Termijndeposito's tot drie maand | 96.250 | 4.610 | 1.774 | 101.700 | 204.333 | ||
| Liquide middelen | 423.137 | 7.292 | 54.081 | 3.210 | 12.933 | 500.654 | |
| Overlopende rekeningen | 57.735 | 5.434 | 5.553 | 11 | 1.216 | -228 | 69.720 |
| III. Activa bestemd voor verkoop | 39.462 | 125 | 39.587 | ||||
| Totaal der activa | 4.441.805 | 5.446.565 | 1.713.502 | 196.564 | 487.650 | -33.039 | 12.253.045 |
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Segmentinformatie - proforma omzet | Marine Engineering & Contracting |
Private Banking |
Real Estate & Senior Care |
Energy & Resources |
AvH & Growth Capital |
Eliminaties tussen segmenten |
Totaal 2015 |
| Omzet lidstaten van de Europese Unie | 1.819.829 | 496.092 | 297.467 | 44.119 | 608.695 | -4.577 | 3.261.626 |
| Overige landen binnen Europa | 244.114 | 157 | 4.960 | 12.563 | 21.776 | 283.570 | |
| Landen buiten Europa | 1.425.227 | 0 | 0 | 36.541 | 262.260 | 1.724.028 | |
| Totaal | 3.489.171 | 496.249 | 302.427 | 93.222 | 892.731 | -4.577 | 5.269.224 |
De proforma omzet bevat de omzet van alle participaties aangehouden door de AvH-groep en wijkt dus af van de omzet zoals gerapporteerd in de wettelijke IFRS consolidatie, die is opgemaakt op basis van de op pag. 123 t.e.m. 131 gerapporteerde consolidatiekring. In deze proforma voorstelling worden alle (exclusieve) controle-belangen integraal verwerkt en de overige belangen proportioneel.
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine | Private | Real Estate & | Energy & | AvH & | Eliminaties | Totaal | |
| Engineering & Contracting |
Banking | Senior Care | Resources | Growth Capital | tussen segmenten |
2015 | |
| I. Totaal eigen vermogen | 1.443.134 | 1.218.433 | 583.586 | 182.121 | 388.336 | 3.815.612 | |
| Eigen vermogen - deel groep | 885.400 | 990.154 | 315.751 | 173.786 | 242.248 | 2.607.339 | |
| Geplaatst kapitaal | 113.907 | 113.907 | |||||
| Aandelenkapitaal | 2.295 | 2.295 | |||||
| Agio | 111.612 | 111.612 | |||||
| Geconsolideerde reserves | 899.817 | 981.544 | 312.604 | 159.139 | 142.902 | 2.496.006 | |
| Herwaarderingsreserves | -14.417 | 8.610 | 3.147 | 14.646 | 9.831 | 21.817 | |
| Effecten beschikbaar voor verkoop | 4.404 | 12.400 | 47 | 15.302 | 32.153 | ||
| Afdekkingsreserve | -6.661 | -605 | -10.258 | -296 | -17.821 | ||
| Actuariële winsten (verliezen) te bereiken doelpensioenplannen | -4.651 | 232 | -589 | 1.097 | -3.912 | ||
| Omrekeningsverschillen | -3.104 | 4.579 | 1.006 | 15.188 | -6.272 | 11.397 | |
| Ingekochte eigen aandelen (-) | -24.392 | -24.392 | |||||
| Minderheidsbelang | 557.735 | 228.279 | 267.835 | 8.336 | 146.088 | 1.208.273 | |
| II. Langlopende verplichtingen | 1.054.953 | 807.912 | 736.304 | 9.825 | 11.490 | -3.283 | 2.617.200 |
| Voorzieningen | 96.741 | 932 | 5.340 | 179 | 103.191 | ||
| Pensioenverplichtingen | 41.540 | 3.250 | 429 | 359 | 22 | 45.600 | |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 152.319 | 488 | 60.631 | 3.015 | 1.533 | 217.986 | |
| Financiële schulden | 713.270 | 614.084 | 6.451 | 6.384 | -3.283 | 1.336.904 | |
| Leningen van banken | 308.111 | 497.987 | 6.448 | 812.546 | |||
| Obligatieleningen | 305.216 | 111.824 | 417.040 | ||||
| Achtergestelde leningen | 2.200 | 2.200 | |||||
| Financiële lease-overeenkomsten | 95.984 | 1.712 | 3 | 6.384 | 104.083 | ||
| Overige financiële schulden | 3.958 | 360 | -3.283 | 1.035 | |||
| Langlopende afdekkingsinstrumenten | 33.807 | 10.484 | 40.853 | 85.145 | |||
| Overige schulden | 17.276 | 10.614 | 14.967 | 3.373 | 46.230 | ||
| Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties | 782.144 | 782.144 | |||||
| Banken - deposito's van kredietinstellingen | 0 | ||||||
| Banken - deposito's van klanten | 719.359 | 719.359 | |||||
| Banken - in schuldbewijzen belichaamde schuld | 3 | 3 | |||||
| Banken - achtergestelde verplichtingen | 62.782 | 62.782 | |||||
| III. Kortlopende verplichtingen | 1.943.717 | 3.420.219 | 393.612 | 4.618 | 87.824 | -29.756 | 5.820.233 |
| Voorzieningen | 34.339 | 54 | 34.392 | ||||
| Pensioenverplichtingen | 246 | 246 | |||||
| Financiële schulden | 113.252 | 292.031 | 1.441 | 60.232 | -28.064 | 438.892 | |
| Leningen van banken | 97.975 | 175.583 | 1.440 | 274.998 | |||
| Obligatieleningen | 0 | ||||||
| Financiële lease-overeenkomsten | 15.218 | 1.104 | 1 | 1.454 | 17.776 | ||
| Overige financiële schulden | 58 | 115.345 | 58.778 | -28.064 | 146.118 | ||
| Kortlopende afdekkingsinstrumenten | 35.146 | 995 | 47 | 36.188 | |||
| Bedragen verschuldigd aan klanten voor onderhanden projecten | 210.870 | 1.309 | 212.179 | ||||
| Overige schulden op ten hoogste één jaar | 1.470.234 | 15.336 | 70.353 | 3.039 | 24.568 | -1.464 | 1.582.065 |
| Handelsschulden | 1.240.004 | 7 | 28.983 | 1.502 | 12.014 | -1.464 | 1.281.046 |
| Ontvangen vooruitbetalingen | 2.741 | 1.396 | 4.138 | ||||
| Schulden mbt bezoldigingen & sociale lasten | 156.928 | 8.338 | 13.414 | 141 | 9.821 | 188.642 | |
| Overige schulden | 73.301 | 6.991 | 25.214 | 2.732 | 108.239 | ||
| Te betalen belastingen | 28.881 | 1.671 | 18.519 | 15 | 517 | 49.603 | |
| Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties | 3.395.076 | 3.395.076 | |||||
| Banken - deposito's van kredietinstellingen | 42.007 | 42.007 | |||||
| Banken - deposito's van klanten | 3.183.127 | 3.183.127 | |||||
| Banken - in schuldbewijzen belichaamde schuld | 166.179 | 166.179 | |||||
| Banken - achtergestelde verplichtingen | 3.763 | 3.763 | |||||
| Overlopende rekeningen | 50.996 | 6.896 | 12.608 | 124 | 1.197 | -228 | 71.593 |
| IV. Verplichtingen bestemd voor verkoop | 0 | ||||||
| Totaal van het eigen vermogen en de verplichtingen | 4.441.805 | 5.446.565 | 1.713.502 | 196.564 | 487.650 | -33.039 | 12.253.045 |
| (€ 1.000) | Segment 1 | Segment 2 | Segment 3 | Segment 4 | Segment 5 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting |
Private Banking |
Real Estate & Senior Care |
Energy & Resources |
AvH & Growth Capital |
Eliminaties tussen segmenten |
Totaal 2015 |
|
| I. Geldmiddelen en kasequivalenten, | |||||||
| openingsbalans | 722.647 | 97.450 | 23.668 | 4.388 | 74.073 | 922.226 | |
| Winst (verlies) uit de bedrijfsactiviteiten | 237.059 | 58.084 | 141.770 | 2.880 | 57.330 | -553 | 496.569 |
| Reclass Winst (verlies) op de overdracht van activa naar cashflow uit desinvesteringen |
-27.419 | -409 | -498 | -11 | -68.944 | -97.281 | |
| Dividenden van vennootschappen waarop vermogensmutatie is toegepast | 1.174 | 32.136 | 287 | 8.951 | 42.548 | ||
| Overige niet-exploitatiebaten (lasten) | 1.566 | 1.566 | |||||
| Winstbelastingen | -84.203 | -20.646 | -26.018 | -794 | -324 | -131.986 | |
| Aanpassingen voor niet-geldelijke posten | |||||||
| Afschrijvingen | 255.525 | 5.592 | 8.771 | 2.217 | 2.907 | 275.012 | |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | 16.285 | 668 | 1.566 | 2.664 | 21.183 | ||
| Aandelenoptieplannen | 62 | 127 | 1.315 | 689 | 2.194 | ||
| Winst (verlies) op activa/passiva gewaardeerd aan reële waarde via resultatenrekening |
397 | -82.860 | -82.463 | ||||
| (Afname) toename van voorzieningen | 6.796 | 768 | 271 | -779 | 7.056 | ||
| (Afname) toename van latente belastingen | 24.042 | 5.360 | 21.311 | 243 | -509 | 50.447 | |
| Andere niet-kaskosten (opbrengsten) | -11.182 | 4.418 | -312 | -3 | 89 | -6.989 | |
| Cashflow | 418.537 | 87.663 | 65.316 | 4.819 | 2.074 | -553 | 577.855 |
| Afname (toename) van het bedrijfskapitaal | -26.016 | -128.999 | -8.091 | -1.175 | 1.295 | -867 | -163.854 |
| Afname (toename) van voorraden, onderhanden projecten & ontvangen vooruitbetalingen |
-1.431 | 11.170 | -6.656 | 3.082 | |||
| Afname (toename) van vorderingen | -101.791 | -6.925 | -16.427 | -1.079 | 15.552 | -867 | -111.537 |
| Afname (toename) van vorderingen kredietinstellingen & cliënten (banken) |
-332.534 | -332.534 | |||||
| Toename (afname) van schulden (andere dan financiële schulden) | 79.444 | -1.501 | 1.679 | -58 | -8.305 | 71.259 | |
| Toename (afname) van schulden aan krediet-instellingen, cliënten & obligaties (banken) |
213.169 | 213.169 | |||||
| Afname (toename) overige | -2.238 | -1.208 | -4.514 | -38 | 705 | -7.294 | |
| Operationele cashflow | 392.520 | -41.337 | 57.225 | 3.644 | 3.369 | -1.420 | 414.001 |
| Investeringen | -355.047 | -323.520 | -182.427 | -3.392 | -56.773 | 9.132 | -912.027 |
| Aanschaffing van immateriële en materiële vaste activa | -278.943 | -4.242 | -23.252 | -34 | -1.694 | -308.165 | |
| Investering in vastgoedbeleggingen | -36.223 | -36.223 | |||||
| Verwerving van financiële vaste activa | -59.628 | -122.642 | -3.358 | -23.880 | -209.509 | ||
| Nieuwe leningen toegestaan | -16.476 | -220 | -309 | -11.571 | 9.132 | -19.444 | |
| Verwerving van geldbeleggingen | -319.058 | -19.627 | -338.685 | ||||
| Desinvesteringen Desinvesteringen van immateriële en materiële vaste activa |
60.899 31.880 |
319.739 | 24.800 603 |
11 11 |
212.139 75 |
-14.132 | 603.454 32.568 |
| Desinvesteringen van vastgoedbeleggingen | 23.974 | 23.974 | |||||
| Overdracht van financiële vaste activa | 24.655 | 182.320 | 206.975 | ||||
| Terugbetaalde leningen | 4.364 | 215 | 18.146 | -14.132 | 8.593 | ||
| Overdracht van geldbeleggingen | 319.739 | 8 | 11.597 | 331.344 | |||
| Investeringscashflow | -294.149 | -3.781 | -157.627 | -3.381 | 155.366 | -5.000 | -308.573 |
| Financiële operaties | |||||||
| Ontvangen interesten | 8.008 | 43 | 1.227 | 48 | 924 | -420 | 9.830 |
| Betaalde interesten | -40.281 | -14.430 | -179 | -1.036 | 972 | -54.954 | |
| Diverse financiële opbrengsten(lasten) | -17.416 | -6.176 | -18 | -1.354 | -24.964 | ||
| Afname (toename) van eigen aandelen | -4.110 | -4.110 | |||||
| (Afname) toename van financiële schulden | -238.359 | 125.631 | -1.440 | -61.551 | 5.867 | -169.852 | |
| Winstverdeling | -60.363 | -60.363 | |||||
| Dividenden uitgekeerd aan derden | -50.629 | -45.082 | -16.032 | -1.470 | 64.041 | -49.172 | |
| Financieringscashflow | -338.678 | -45.040 | 90.220 | -3.059 | -63.450 | 6.420 | -353.586 |
| II. Netto toename (afname) in geldmiddelen en kasequivalenten |
-240.307 | -90.157 | -10.182 | -2.797 | 95.285 | -248.158 | |
| Transfer tussen segmenten | 2.738 | 35.819 | 3.358 | -41.915 | 0 | ||
| Wijziging consolidatiekring of -methode | 33.450 | 7.289 | -12.882 | 27.857 | |||
| Kapitaalverhogingen (deel derden) | 574 | 1.225 | 1.799 | ||||
| Wisselkoerswijzigingen op geldmiddelen en kasequivalenten | 284 | 873 | 35 | 71 | 1.263 | ||
| III. Geldmiddelen en kasequivalenten, slotbalans |
519.386 | 7.292 | 58.691 | 4.984 | 114.633 | 0 | 704.987 |
| (€ 1.000) | Ontwikke- lingskosten | Concessies, octrooien & licenties |
Goodwill | Software | Overige immateriële activa |
Vooruit- betalingen | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bewegingen in immateriële vaste activa - boekjaar 2015 |
|||||||
| Immateriële vaste activa, beginsaldo | 2.698 | 4.872 | 9.708 | 12.879 | 88.934 | 0 | 119.091 |
| Brutobedrag | 3.230 | 17.132 | 12.159 | 25.815 | 94.414 | 0 | 152.751 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen (-) | -533 | -12.261 | -2.451 | -12.936 | -5.480 | 0 | -33.661 |
| Investeringen | 2 | 2.557 | 604 | 1.489 | 40 | 382 | 5.074 |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 44.186 | 1.290 | 759 | 5 | 601 | 46.841 | |
| Overdrachten en buitengebruikstellingen (-) | 17 | -103 | -76 | -161 | |||
| Overdrachten door bedrijfsafsplitsing (-) | -897 | -897 | |||||
| Afschrijvingen (-) | -1.789 | -2.487 | -6.298 | -2.344 | -12.918 | ||
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | -26 | -2 | -1 | -28 | |||
| Overboekingen van (naar) andere posten | 10 | 10 | |||||
| Immateriële vaste activa, eindsaldo | 5 | 49.023 | 11.602 | 8.764 | 86.635 | 982 | 157.012 |
| Brutobedrag | 2.060 | 67.692 | 14.053 | 28.401 | 94.354 | 982 | 207.542 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen (-) | -2.054 | -18.669 | -2.451 | -19.637 | -7.719 | 0 | -50.530 |
| Bewegingen in immateriële vaste activa - boekjaar 2016 |
|||||||
| Immateriële vaste activa, beginsaldo | 5 | 49.023 | 11.602 | 8.764 | 86.635 | 982 | 157.012 |
| Brutobedrag | 2.060 | 67.692 | 14.053 | 28.401 | 94.354 | 982 | 207.542 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen (-) | -2.054 | -18.669 | -2.451 | -19.637 | -7.719 | 0 | -50.530 |
| Investeringen | 1.268 | 1.623 | 1.099 | 800 | 500 | 179 | 5.469 |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 10.390 | 2.650 | 3 | 13.043 | |||
| Overdrachten en buitengebruikstellingen (-) | -26 | -5 | -32 | ||||
| Overdrachten door bedrijfsafsplitsing (-) | 0 | ||||||
| Afschrijvingen (-) | -1.286 | -3.339 | -3.322 | -890 | -8.836 | ||
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | 17 | -33 | -1 | -1 | -18 | ||
| Overboekingen van (naar) andere posten | 14 | 179 | 193 | ||||
| Immateriële vaste activa, eindsaldo | 5 | 57.664 | 15.351 | 6.233 | 86.418 | 1.161 | 166.832 |
| Brutobedrag | 3.347 | 73.607 | 17.802 | 29.056 | 93.443 | 1.161 | 218.416 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen (-) | -3.342 | -15.943 | -2.451 | -22.822 | -7.025 | 0 | -51.584 |
De groei van de ouderenzorgactiviteiten van de groep verklaart het grootste deel van de toename van de immateriële vaste activa in 2016 met o.m. de acquisities door Anima Care van 'Le Birmingham' (60 bedden, Sint-Jans-Molenbeek) en 'Duneroze' (160 rusthuisbedden, 40 bedden herstelverblijf, Wenduine) alsook van de residenties 'Ambroise Paré' (88 bedden) te Lyon, 'Demeure du Bois Ardent' (76 bedden) te Saint-Lô en het woonzorgcentrum met 60 bedden en een crèche in Laval (Mayenne) door HPA.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Bewegingen in goodwill | ||
| Goodwill, beginsaldo | 333.882 | 319.358 |
| Brutobedrag - integraal geconsolideerde participaties | 349.075 | 331.436 |
| Geaccumuleerde bijzondere WV - integraal geconsolideerde participaties (-) | -15.193 | -12.078 |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties (1) | 12.850 | 17.639 |
| Bijzondere WV opgenomen in de resultatenrekening (-) | -4.137 | -3.116 |
| Overige toename (afname) | -55 | |
| Goodwill, eindsaldo | 342.539 | 333.882 |
| Brutobedrag - integraal geconsolideerde participaties | 361.870 | 349.075 |
| Geaccumuleerde bijzondere WV - integraal geconsolideerde participaties (-) | -19.331 | -15.193 |
(1) We verwijzen naar Toelichting 4 Bedrijfsacquisities voor meer details.
De bedrijfsacquisities door HPA (residenties te Lyon, Saint-Lô en Laval) alsook het groeperen van de belangen van AvH en het management van Residalya in zowel Residalya als in Patrimoine & Santé onder een nieuwe holdingvennootschap HPA verklaren de toename van de goodwill. HPA heeft op jaareinde 2016 beslist om het gedeelte van de goodwill van Patrimoine & Santé (4,1 miljoen euro) dat niet kon worden toegewezen aan de gebouwen in portefeuille af te schrijven.
Per saldo is de goodwill voornamelijk toe te wijzen aan Finaxis, aan DEME (n.a.v. de controleverwerving eind 2013) en aan de dochterondernemingen aangehouden door DEME, CFE, Van Laere, Anima Care en HPA. Daarbij wordt opgemerkt dat de goodwill (cliënteel) in de geconsolideerde balans van Delen Investments van 235,5 miljoen euro hierin niet is vervat, aangezien Delen Investments wordt opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode. Deze goodwill resulteert vnl. uit de overname van Capital & Finance in 2007, JM Finn & Co in 2011 en in beperkte mate Oyens & Van Eeghen (eind 2015).
Bij indicaties van een eventuele waardevermindering en minstens jaarlijks onderwerpt AvH de goodwill op haar balans aan een impairmentanalyse. Hierbij wordt zowel de goodwill bedoeld die als dusdanig onder de post 'goodwill' wordt opgevoerd in de geconsolideerde balans, als de goodwill die vervat zit in de actiefpost 'ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast'. Elke participatie van AvH wordt daarbij beschouwd als een afzonderlijke cash generating unit (CGU). Vervolgens wordt als onderdeel van de impairment test een fair value bepaald voor elke CGU op basis van publiek beschikbare marktwaarderingen (broker reports / beurskoers voor genoteerde ondernemingen). Indien na deze eerste stap, op basis van een fair value benadering, blijkt dat bijkomende onderbouwing nodig is, zal ook een gebruikswaarde worden bepaald vanuit het eigen AvH perspectief op basis van een discounted cash flow (DCF) model of marktmultiples. Wanneer na deze tweede stap nog steeds een onvoldoende onderbouwing kan worden gevormd voor de goodwill in de balans, wordt overgegaan tot een uitzonderlijke waardevermindering of 'impairment'.
De uitbreiding en vernieuwing van de vloot van DEME, de aankoop van grond en gebouw Duneroze (Wenduine) door Anima Care en de courante investeringen in werktuigen in de contracting poot zijn de voornaamste investeringen. De verwervingen door middel van bedrijfscombinaties worden verklaard door de integrale consolidatie (via HPA) van Patrimoine & Santé, dat eind 2016 voor 220,9 miljoen euro aan rusthuizen en inrichting bezit.
De materiële vaste activa van de bedrijven uit de "Marine Engineering & Contracting" poot vertegenwoordigen samen ongeveer 80% van de totale materiële vaste activa. De zorgresidenties van Anima Care en van Patrimoine & Santé (samen goed voor 17%), het kantorennet van Bank J.Van Breda & C° en diverse andere bedrijfsgebouwen binnen de groep verklaren het saldo.
| (€ 1.000) | Terreinen en gebouwen |
Installaties, machines en uitrusting |
Meubilair en rollend materieel |
Overige materiële vaste activa |
Activa in aanbouw & vooruitbet. |
Operationele leasing als leasinggever (IAS 17) |
Totaal 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| I. Bewegingen in materiële vaste activa - boekjaar 2015 |
|||||||
| Materiële vaste activa, beginsaldo | 218.698 | 1.436.646 | 19.453 | 4.484 | 16.031 | 349 | 1.695.661 |
| Brutobedrag | 310.404 | 2.972.424 | 87.799 | 21.112 | 16.031 | 1.381 | 3.409.152 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen (-) | -91.683 | -1.535.778 | -68.347 | -16.628 | -1.032 | -1.713.468 | |
| Geaccumuleerde bijzondere WV (-) | -24 | -24 | |||||
| Investeringen | 20.395 | 180.454 | 12.999 | 553 | 88.794 | 303.195 | |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 3.735 | 208.298 | 13.344 | 182 | 773 | 226.332 | |
| Overdrachten en buitengebruikstellingen (-) | -3.975 | -7.883 | -1.076 | -1 | -148 | -13.084 | |
| Overdrachten door bedrijfsafsplitsing (-) | -107 | -1.376 | -185 | -593 | -2.261 | ||
| Afschrijvingen (-) | -17.079 | -232.138 | -11.109 | -1.726 | -43 | -262.095 | |
| Bijzondere WV (-) | -2.463 | -817 | -3.280 | ||||
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | -278 | 136 | -28 | 877 | -130 | 577 | |
| Overboekingen van (naar) andere posten | 12.080 | 2.129 | 639 | -111 | -14.746 | -9 | |
| Overige toename (afname) | 425 | 90 | 26 | 194 | 736 | ||
| Materiële vaste activa, eindsaldo | 231.112 | 1.587.959 | 32.120 | 4.100 | 90.174 | 306 | 1.945.772 |
| Brutobedrag | 334.779 | 3.247.848 | 112.683 | 22.798 | 90.174 | 1.381 | 3.809.663 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen (-) | -101.180 | -1.659.889 | -79.745 | -18.699 | -1.075 | -1.860.588 | |
| Geaccumuleerde bijzondere WV (-) | -2.487 | -817 | -3.304 | ||||
| II. Overige informatie | |||||||
| Financiële leases | |||||||
| Nettoboekwaarde van MVA onder financiële lease | 24.646 | 113.550 | 5.143 | 143.339 | |||
| Materiële vaste activa verworven onder financiële lease | 59.790 | 789 | 60.579 |
| (€ 1.000) | Terreinen en gebouwen |
Installaties, machines en uitrusting |
Meubilair en rollend materieel |
Overige materiële vaste activa |
Activa in aanbouw & vooruitbet. |
Operationele leasing als leasinggever (IAS 17) |
Totaal 2016 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| I. Bewegingen in materiële vaste activa - boekjaar 2016 |
|||||||
| Materiële vaste activa, beginsaldo | 231.112 | 1.587.959 | 32.120 | 4.100 | 90.174 | 306 | 1.945.772 |
| Brutobedrag | 334.779 | 3.247.848 | 112.683 | 22.798 | 90.174 | 1.381 | 3.809.663 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen (-) | -101.180 | -1.659.889 | -79.745 | -18.699 | -1.075 | -1.860.588 | |
| Geaccumuleerde bijzondere WV (-) | -2.487 | -817 | -3.304 | ||||
| Investeringen | 19.659 | 110.715 | 9.388 | 837 | 72.895 | 213.494 | |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 233.548 | 599 | 846 | 1 | 90 | 235.083 | |
| Overdrachten en buitengebruikstellingen (-) | -2.567 | -2.864 | -330 | 1 | -11 | -5.770 | |
| Overdrachten door bedrijfsafsplitsing (-) | -1 | -1 | |||||
| Afschrijvingen (-) | -19.680 | -222.762 | -10.693 | -896 | -43 | -254.074 | |
| Bijzondere WV (-) | -2 | -2 | |||||
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | 56 | -764 | -190 | 102 | -797 | ||
| Overboekingen van (naar) andere posten | 13.270 | 15.985 | 271 | 321 | -28.949 | 898 | |
| Overige toename (afname) | 37 | 37 | |||||
| Materiële vaste activa, eindsaldo | 475.433 | 1.488.867 | 31.411 | 4.364 | 134.301 | 263 | 2.134.639 |
| Brutobedrag | 599.583 | 3.213.697 | 120.799 | 12.782 | 134.301 | 1.381 | 4.082.542 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen (-) | -121.663 | -1.724.829 | -88.652 | -8.418 | -1.118 | -1.944.681 | |
| Geaccumuleerde bijzondere WV (-) | -2.487 | -736 | -3.223 | ||||
| II. Overige informatie | |||||||
| Financiële leases | |||||||
| Nettoboekwaarde van MVA onder financiële lease | 75.747 | 110.573 | 5.486 | 191.806 | |||
| Materiële vaste activa verworven onder financiële lease | 6.462 | 2.021 | 8.483 |
| (€ 1.000) | Verhuurde gebouwen |
Operationele leasing als leasinggever - IAS 40 |
Project ontwikkelin- gen |
Activa bestemd voor verkoop |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| I. Bewegingen in vastgoedbeleggingen aan reële waarde - boekjaar 2015 |
|||||
| Vastgoedbeleggingen, beginsaldo | 696.301 | 0 | 33.860 | 18.137 | 748.298 |
| Brutobedrag | 696.301 | 0 | 33.860 | 18.137 | 748.298 |
| Investeringen | 10.105 | 26.119 | 36.223 | ||
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 142.044 | 10.929 | 152.974 | ||
| Overdrachten en buitengebruikstellingen (-) | -24.158 | -24.158 | |||
| Winsten (verliezen) door aanpassing van reële waarde | 8.309 | 13.354 | 21.663 | ||
| Winsten(verliezen) door aanpassing van reële waarde - herwaardering Tour&Taxis | 14.161 | 10.929 | 25.090 | ||
| Overboekingen van (naar) andere posten | -16.833 | 21.509 | 10.378 | 15.054 | |
| Overige toename (afname) | -15.697 | -15.697 | |||
| Vastgoedbeleggingen, eindsaldo | 838.390 | 0 | 116.700 | 4.392 | 959.482 |
| Brutobedrag | 838.390 | 0 | 116.700 | 4.392 | 959.482 |
| I. Bewegingen in vastgoedbeleggingen aan reële waarde - boekjaar 2016 |
|||||
| Vastgoedbeleggingen, beginsaldo | 838.390 | 0 | 116.700 | 4.392 | 959.482 |
| Brutobedrag | 838.390 | 0 | 116.700 | 4.392 | 959.482 |
| Investeringen | 42.846 | 84.936 | 455 | 128.237 | |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 0 | 0 | |||
| Overdrachten en buitengebruikstellingen (-) | -1.291 | -57.369 | -4.392 | -63.053 | |
| Winsten(verliezen) door aanpassing van reële waarde | -5.332 | 45.575 | 344 | 40.587 | |
| Overboekingen van (naar) andere posten | -68.722 | 13.999 | 55.542 | 818 | |
| Overige toename (afname) | 542 | 481 | 125 | 1.148 | |
| Vastgoedbeleggingen, eindsaldo | 806.432 | 0 | 204.322 | 56.466 | 1.067.220 |
| Brutobedrag | 806.432 | 0 | 204.322 | 56.466 | 1.067.220 |
| (€ 1.000) | Verhuurde gebouwen |
Operationele leasing als leasinggever - IAS 40 |
Project ontwikkelin gen |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| II. Overige informatie | ||||
| Huurinkomsten en operationele kosten 2015 | ||||
| Huurinkomsten van vastgoedbeleggingen | 59.714 | 59.714 | ||
| Directe operationele kosten (incl. onderhoud & herstellingen) van verhuurde gebouwen | -2.503 | -2.503 | ||
| Directe operationele kosten (incl. onderhoud & herstellingen) van niet-verhuurde gebouwen | -808 | -808 | ||
| Huurinkomsten en operationele kosten 2016 | ||||
| Huurinkomsten van vastgoedbeleggingen | 61.335 | 61.335 | ||
| Directe operationele kosten (incl. onderhoud & herstellingen) van verhuurde gebouwen | -3.186 | -3.186 | ||
| Directe operationele kosten (incl. onderhoud & herstellingen) van niet-verhuurde gebouwen | -1.080 | -1.080 | ||
| Aankoopverplichtingen | ||||
| Contractuele verplichtingen tot aankoop vastgoedbeleggingen 2015 | 0 | |||
| Contractuele verplichtingen tot aankoop vastgoedbeleggingen 2016 | 0 |
| (€ 1.000) | Totaal 2016 |
Totaal 2015 |
|---|---|---|
| Opdeling vastgoedopbrengsten in de resultatenrekening | ||
| Verkopen van gronden | 1.920 | 356 |
| Huurinkomsten | 61.335 | 59.714 |
| Overige vastgoeddiensten (o.m. promotie-opbrengsten) | 116.059 | 58.983 |
| 179.314 | 119.053 | |
| Kerncijfers - gebouwen in portefeuille (exclusief projectontwikkelingen) | ||
| Contractuele huur | 56.540 | 55.240 |
| Huurrendement (%) | 6,78% | 6,88% |
| Bezettingsgraad (%) | 96,77% | 95,80% |
| Gewogen gemiddelde looptijd tot eerste break (# jaren) | 4,37 | 4,84 |
De stijging van de vastgoedbeleggingen vloeit voort uit de dynamiek van Extensa op de site van Tour & Taxis met de aankoop van het Hôtel des Douanes en de ontwikkeling van het Herman Teirlinck-gebouw. De vastgoedportefeuille van Leasinvest Real Estate vertegenwoordigt 859,9 miljoen euro en kende in 2016 een lichte daling als gevolg van enerzijds de verkoop van de gebouwen Royal20 en Zeutestraat en anderzijds de aankoop van het shoppingcenter Frun Retailpark in Asten (Oostenrijk) en beperkte waarde-aanpassingen op de overige gebouwen in portefeuille.
De waardeontwikkeling van het op lange termijn voorverhuurde Herman Teirlinckgebouw wordt verwerkt op basis van de voortgang van de bouwwerken en levert de grootste bijdrage tot de 'winst door aanpassing van reële waarde'.
De overboekingen van (naar) andere posten betreffen de herontwikkeling van het kantoorgebouw Montoyer 63 in Brussel (overgeboekt naar projectontwikkelingen) alsook drie logistieke panden uit de portefeuille van Leasinvest Real Estate die werden overgeboekt naar activa bestemd voor verkoop.
De vastgoedbeleggingen worden aan reële waarde gewaardeerd, waarbij de waardeschommelingen in de resultatenrekening worden verwerkt.
Op basis van schattingsverslagen wordt minstens jaarlijks de reële waarde van verhuurde gebouwen bepaald. We verwijzen naar het jaarverslag van Leasinvest Real Estate voor meer informatie hieromtrent. Ook de bovenvermelde kerncijfers omtrent de verhuurde gebouwen zijn de kerncijfers van Leasinvest Real Estate, aangezien 94% van de verhuurde gebouwen eigendom zijn van LRE.
Operationele leasings waarvan de aankoopoptie rekening houdt met de marktwaarde worden als vastgoedbeleggingen gekwalificeerd. In andere gevallen worden deze contracten als operationele leasing conform IAS 17 beschouwd.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast | ||
| Marine Engineering & Contracting | 159.540 | 166.715 |
| Private Banking | 633.263 | 593.935 |
| Real Estate & Senior Care | 15.933 | 22.109 |
| Energy & Resources | 165.113 | 150.444 |
| AvH & Growth Capital | 179.450 | 204.045 |
| Totaal | 1.153.300 | 1.137.249 |
| (€ 1.000) | Vermogens mutatiewaarde |
Goodwill opgenomen in VM-waarde |
Totaal 2016 |
Totaal 2015 |
|---|---|---|---|---|
| Bewegingen in ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast | ||||
| Ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast: beginsaldo | 1.049.447 | 87.802 | 1.137.248 | 1.169.019 |
| Aanschaffingen | 33.114 | 1.539 | 34.653 | 45.468 |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 0 | 696 | ||
| Overdrachten (-) | -13.826 | -13.826 | -30.617 | |
| Aandeel in winst (verlies) van de ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast | 108.660 | 108.660 | 110.549 | |
| Bijzondere WV opgenomen in de winst- en verliesrekening (-) | -22.066 | -3.090 | -25.156 | -8.831 |
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | -4.871 | -4.871 | 5.888 | |
| Impact dividenden uitgekeerd door deelnemingen (-) | -65.609 | -65.609 | -42.548 | |
| Overboekingen van (naar) andere posten | -40.434 | 195 | -40.240 | -122.338 |
| Overige toename (afname) | 22.439 | 22.439 | 9.963 | |
| Ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast : eindsaldo | 1.066.854 | 86.445 | 1.153.300 | 1.137.249 |
De deelname van DEME aan de kapitaalverhogingen in de windprojecten Rentel en Merkur, de toegenomen belangen van AvH in Sagar Cements en Sipef alsook de financiering van de verliezen van CKT offshore via kapitaalverhogingen vormen de voornaamste investeringen. AvH heeft op 30 september 2016 minderheidsaandeelhouder (26%) NPM Capital bij Sofinim uitgekocht en bezit sindsdien 100% van Sofinim. AvH nam Sofinim reeds vroeger op volgens integrale consolidatie, met een minderheidsbelang van 26%. De aankoop van dit minderheidsbelang leidt (mechanisch) tot een stijging van het belangenpercentage in de deelnemingen die via Sofinim worden aangehouden. De hogere deelnemingspercentages die daaruit volgen zijn toegepast in de resultatenrekening vanaf Q4 2016.
De overdrachten worden hoofdzakelijk verklaard door de verkoop door DEME van de helft van haar belang in C-Power. De verkoop door CFE in 2016 van haar deelnemingen van 25% in Locorail (Liefkenshoekspoortunnel in Antwerpen) en haar aandeel in de Coentunnel Company hebben hierop geen impact, aangezien de boekwaarde daarvan bij CFE in het verleden was gereduceerd tot nul.
De bijzondere waardeverminderingen hebben betrekking op de belangen van AvH in Groupe Flo en Oriental Quarries & Mines. AvH heeft naar aanleiding van de negatieve evolutie van Groupe Flo gedurende 2016 en in het licht van gesprekken die worden gevoerd met het oog op het aantrekken van nieuwe investeerders en/of het verkopen van bedrijfsonderdelen van Groupe Flo haar blootstelling aan Financière Flo / Groupe Flo met 22,1 miljoen euro gereduceerd om deze in lijn te brengen met de beurswaarde van Groupe Flo per 31.12.2016. Voorts werd in 2016 een bijzondere waardevermindering geboekt op de goodwill van AvH op haar deelneming in Oriental Quarries & Mines (3,1 miljoen euro).
De winstbijdrage van de ondernemingen waarop vermogensmutatie wordt toegepast komt, hoewel anders samengesteld, op een ongeveer gelijk niveau uit in 2016 (108,7 miljoen euro) als dat van 2015 (110,5 miljoen euro). Sterkhouders blijven Delen Investments (87,9 miljoen euro) en Sipef (10,1 miljoen euro) en ook in 2016 overtreffen de winstbijdrages van de participaties de door hen uitgekeerde dividenden.
In de post 'Overboekingen van (naar) andere posten' zitten o.m. de wijzigingen in de consolidatiekring vervat: zo werd in 2015 de participatie in Patrimoine & Santé nog via vermogensmutatie verwerkt, in tegenstelling tot de integrale consolidatie in 2016 en in het segment "AvH & Growth Capital" werden de deelnemingen in respectievelijk Financière Flo/Groupe Flo en in CKT Offshore overgeboekt naar "bestemd voor verkoop". Een analoge overboeking van een vastgoedontwikkelingsvennootschap door CFE verklaart o.m. de daling in het segment Marine Engineering & Contracting.
AvH past de vermogensmutatiemethode toe op de gemeenschappelijke dochterondernemingen Delen Investments (78,75%), ASCO-BDM (50%), Sipef (27,8%), Oriental Quarries & Mines (50%), Amsteldijk Beheer (50%), Distriplus (50%), Manuchar (30,0%), Turbo's Hoet Groep (50%), Consortium Telemond (50%) en GIB (50%). In deze balansrubriek zijn tevens de geassocieerde deelneming in Sagar Cements (19,9%), Atenor (10,5%), Axe Investments (48,3%), Corelio (26,1%), Financière EMG (22,2%), MediaCore (49,9%) en Transpalux (45,0%) opgenomen. Voor een meer gedetailleerde beschrijving van de wijzigingen in de perimeter verwijzen we naar p. 133 "Segmentrapportering".
Een aantal van bovenvermelde participaties zijn beurgenoteerd. Indien de belangen in Sipef, Sagar Cements en Atenor op basis van de beurskoers van eind 2016 zouden gewaardeerd worden, zouden deze participaties de volgende beurswaarden vertegenwoordigen van respectievelijk 150,7 miljoen euro, 31,6 miljoen euro en 27,0 miljoen euro.
De integrale consolidatie van CFE, DEME en Rent-A-Port geeft aanleiding tot de opname van hun gemeenschappelijke dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen voor een totaal bedrag van 159,1 miljoen euro. De belangen in C-Power (6,5%), Rentel (18,9%) en Medco (44,1%) zijn de voornaamste bij DEME alsook de met partners opgezette vastgoed- en PPS-projecten bij CFE en de ontwikkeling van de industriezone van Dinh Vu (Vietnam) door Rent-A-Port.
| (€ 1.000) | Reële waarde | Boekwaarde | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | ||
| Financiële activa | |||||
| Financiële activa voor handelsdoeleinden | |||||
| Financiële activa behorend tot de handelsportefeuille (trading) | 3 | 10 | 3 | 10 | |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | |||||
| Voor verkoop beschikbare financiële vaste activa | 113.043 | 101.491 | 113.043 | 101.491 | |
| Voor verkoop beschikbare geldbeleggingen | 621.405 | 636.073 | 621.405 | 636.073 | |
| Vorderingen en liquiditeiten | |||||
| Vorderingen en borgtochten | 176.103 | 159.894 | 176.103 | 159.894 | |
| Vorderingen uit financiële lease | 188.203 | 167.764 | 177.122 | 157.706 | |
| Overige vorderingen | 218.412 | 195.347 | 218.412 | 195.347 | |
| Handelsvorderingen | 1.170.394 | 1.151.385 | 1.170.394 | 1.151.385 | |
| Termijndeposito's tot drie maand | 156.773 | 204.333 | 156.773 | 204.333 | |
| Liquide middelen | 597.542 | 500.654 | 597.542 | 500.654 | |
| Banken - vorderingen kredietinstellingen & cliënten | 4.498.663 | 4.236.263 | 4.168.636 | 3.900.062 | |
| Afdekkingsinstrumenten | 7.127 | 13.683 | 7.127 | 13.683 |
| (€ 1.000) | Reële waarde | Boekwaarde | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | ||
| Financiële passiva | |||||
| Financiële passiva gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs | |||||
| Financiële schulden | |||||
| Leningen van banken | 1.212.127 | 1.112.527 | 1.192.421 | 1.087.544 | |
| Obligatieleningen | 447.815 | 430.377 | 434.049 | 417.040 | |
| Achtergestelde leningen | 3.500 | 2.295 | 3.344 | 2.200 | |
| Financiële lease-overeenkomsten | 136.284 | 132.280 | 131.648 | 121.859 | |
| Overige financiële schulden | 212.472 | 147.153 | 212.473 | 147.153 | |
| Overige schulden | |||||
| Handelsschulden | 1.270.310 | 1.281.046 | 1.270.310 | 1.281.046 | |
| Ontvangen vooruitbetalingen | 3.814 | 4.138 | 3.814 | 4.138 | |
| Schulden mbt bezoldigingen & sociale lasten | 183.864 | 188.642 | 183.864 | 188.642 | |
| Overige schulden | 169.730 | 154.469 | 169.730 | 154.469 | |
| Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties | 4.474.065 | 4.232.152 | 4.431.951 | 4.177.220 | |
| Afdekkingsinstrumenten | 109.499 | 121.333 | 109.499 | 121.333 |
| (€ 1.000) | 2016 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Niveau 1 | Niveau 2 | Te ontvangen interesten |
Niveau 1 | Niveau 2 | Te ontvangen interesten |
|
| Financiële activa | ||||||
| Financiële activa voor handelsdoeleinden | ||||||
| Financiële activa behorend tot de handelsportefeuille (trading) | 3 | 10 | ||||
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||||||
| Voor verkoop beschikbare financiële vaste activa | 70.763 | 42.280 | 70.425 | 31.066 | ||
| Voor verkoop beschikbare geldbeleggingen | 615.900 | 730 | 4.775 | 627.767 | 1.661 | 6.644 |
| Vorderingen en liquiditeiten | ||||||
| Vorderingen uit financiële lease | 188.203 | 167.764 | ||||
| Banken - vorderingen kredietinstellingen & cliënten | 4.498.663 | 4.236.263 | ||||
| Afdekkingsinstrumenten | 7.126 | 1 | 13.683 | |||
| Financiële passiva | ||||||
| Financiële schulden | ||||||
| Leningen van banken | 1.212.127 | 1.112.527 | ||||
| Obligatieleningen | 393.399 | 54.416 | 394.573 | 35.804 | ||
| Achtergestelde leningen | 3.500 | 2.295 | ||||
| Financiële lease-overeenkomsten | 136.284 | 132.280 | ||||
| Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten & obligaties | 4.474.065 | 4.232.152 | ||||
| Afdekkingsinstrumenten | 109.040 | 459 | 121.020 | 313 |
De reële waarde van de effecten in de beleggingsportefeuille wordt bepaald aan de hand van de notering op de publieke markt (niveau 1). Ditzelfde geldt voor de publieke obligaties uitgegeven door DEME, CFE en Leasinvest Real Estate. Bij de bepaling van de waarde van de vorderingen op (en schulden aan) op kredietinstellingen & cliënten van Bank J.Van Breda & C° gelden volgende hypotheses: er wordt rekening gehouden met de commerciële marges bij herprijzing en met een percentage vervroegde aflossingen doch wordt er geen rekening gehouden met een percentage kredietverliezen. Voor de afdekkingsinstrumenten is het de actuele waarde van toekomstige kasstromen rekening houdend met de geldende swaprente en volatiliteit (niveau 2).
| (€ 1.000) | Gerealiseerde meerwaarden (minwaarden) |
Rente opbrengsten (lasten) |
Gerealiseerde meerwaarden (minwaarden) |
Rente opbrengsten (lasten) |
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | |||
| Financiële activa voor handelsdoeleinden | ||||
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | 10.538 | 4.149 | 75.013 | 6.869 |
| Vorderingen en liquiditeiten | 20.286 | 19.968 | ||
| Afdekkingsinstrumenten | 175 | 305 | ||
| Banken - vorderingen kredietsinstellingen & cliënten | 102.291 | 108.909 | ||
| Financiële passiva gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs | -49.546 | -42.970 | ||
| Afdekkingsinstrumenten | -5.040 | -3.923 | ||
| Banken - schulden aan kredietsinstellingen, cliënten en obligaties | -27.504 | -35.063 |
Zowel CFE als DEME hebben procedures opgesteld teneinde het risico op hun klantenvorderingen te beperken. Bovendien wordt een deel van de geconsolideerde omzet met overheden of met openbare besturen gelieerde klanten gerealiseerd. Verder wordt de concentratie van het tegenpartijrisico beperkt door het grote aantal klanten. Om het kredietrisico te beperken, volgen de betrokken deelnemingen voortdurend de uitstaande klantenvorderingen op en stellen ze desgevallend hun posities bij. Zo doet DEME in het kader van belangrijke buitenlandse contracten geregeld een beroep op de Credendo Group (de vroegere Nationale Delcrederedienst), in zoverre het betrokken land daarvoor in aanmerking komt en het risico door kredietverzekering kan worden gedekt. Voor grote werken is DEME afhankelijk van de capaciteit van klanten om financiering te bekomen en kan zij desgevallend zelf projectfinanciering helpen organiseren. Ondanks het feit dat het kredietrisico nooit volledig kan worden uitgesloten, wordt het toch beperkt. Als wereldwijde speler is DEME daarenboven blootgesteld aan politieke risico's en negatieve ontwikkelingen die zich op macro-economisch vlak kunnen voordoen. De activiteit en het orderboek van CFE in Afrika werd in 2016 verder afgebouwd. Eind 2016 had CFE in Tsjaad nog een netto-vordering van ongeveer 60 miljoen euro op de staat. In de onderhandelingen met de overheid van Tsjaad met het oog op een oplossing van deze onbetaalde vordering, werd vooruitgang geboekt, zonder dat dit evenwel reeds tot een oplossing heeft geleid. Het innen van deze vordernig betekent ook voor 2017 een belangrijke uitdaging.
Rent-A-Port heeft een beperkt aantal klanten en tegenpartijen door het type van activiteiten waarbinnen de groep actief is. Hierdoor loopt het een verhoogd krediet(concentratie)risico. Door zich contractueel voldoende in te dekken en door sterke relaties op te bouwen en te onderhouden met haar klanten, weet de groep dit risico in te perken. Aangezien Rent-A-Port actief is in landen zoals Oman, Qatar, Vietnam en Nigeria, is het ook blootgesteld aan politieke risico's. Ook hier gelden lokale relaties en een sterk lokaal netwerk als belangrijkste factoren van risicomanagement.
De omzet van Van Laere en haar dochterondernemingen bestond in 2016 voor ongeveer 30% uit overheidsopdrachten en 70% uit privé-opdrachten (B2B). Het kredietrisico is bij de overheidsopdrachten niet aanwezig. Voor privé-opdrachten wordt tijdens de aanbestedingsfase een financiële analyse uitgevoerd van de potentiële bouwheer (desgevallend inzage in de kredietovereenkomst, vraag tot parent company guarantee, driepartijen-overeenkomst met kredietverstrekker en bouwheer, etc.). De inkomsten van het parkeerbedrijf Alfa Park zijn grotendeels cash-inkomsten. Voor de kredietrisico's aangaande de leasingportefeuille van Bank J.Van Breda & C° verwijzen we naar de kredietrisico-policy zoals beschreven in toelichting 12.
Leasinvest Real Estate streeft naar een goede spreiding van haar debiteurenportefeuille, zowel naar aantal huurders als naar sectoren waarin deze huurders actief zijn teneinde wanbetaling en faillissement van huurders te beperken. Tevens wordt de solvabiliteit van de huurders op regelmatige basis gescreend met behulp van een extern ratingbureau en er wordt naar gestreefd om via langlopende huurcontracten de duurzaamheid van de huurinkomstenstroom te verzekeren en bijgevolg de 'duration' van de huurcontracten te verhogen.
Extensa Group is voornamelijk actief in de ontwikkeling van vastgoedprojecten. Voorafgaand aan de ondertekening van een nieuw project wordt een uitgebreide analyse gemaakt van de eraan verbonden technische, juridische en financiële risico's.
Het kredietrisico bij Anima Care en HPA is beperkt. De meeste residenten betalen via domiciliëring. Bovendien wordt de huur vooruit gefactureerd en worden de debiteuren nauw opgevolgd. Overheidssubsidies vormen een belangrijke inkomstenbron.
Het kredietrisico van NMP wordt afgedekt door het afsluiten van langetermijn-contracten waarbij het leidingennet ter beschikking wordt gesteld van derden voor het transport van hun producten. Vermits de klanten van NMP grote nationale of internationale bedrijven zijn, wordt het risico op discontinuïteit in de inkomsten eerder laag ingeschat.
Het debiteurenrisico wordt door Agidens beheerst met inachtneming van het vastgestelde beleid, procedures en controles terzake. De uitstaande vorderingen op klanten worden periodiek bewaakt en grote projecten worden doorgaans gedekt door bankgaranties of gelijkaardig.
In het segment AvH & Growth Capital investeert de groep op lange termijn in een beperkt aantal bedrijven met internationaal groeipotentieel. Het gediversifieerde karakter van deze investeringen draagt bij tot een evenwichtige spreiding van de economische en financiële risico's. Bovendien financiert AvH deze investeringen doorgaans via eigen vermogen.
| (€ 1.000) | Niet vervallen |
Vervallen < 30 d |
Vervallen < 60 d |
Vervallen < 120 d |
Vervallen > 120 d |
|
|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal | ||||||
| Vervaldagenbalans 2015 | ||||||
| Financiële activa voor handelsdoeleinden | 10 | 10 | ||||
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | 737.564 | 737.564 | ||||
| Vorderingen | 1.664.332 | 1.144.829 | 82.102 | 45.299 | 170.304 | 221.799 |
| Vervaldagenbalans 2016 | ||||||
| Financiële activa voor handelsdoeleinden | 3 | 3 | ||||
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | 734.448 | 734.448 | ||||
| Vorderingen | 1.742.031 | 1.349.339 | 74.460 | 44.904 | 20.575 | 252.753 |
De vervallen vorderingen betreffen hoofdzakelijk de contractingactiviteit van CFE, DEME en Van Laere alsook de leasingportefeuille van Bank J.Van Breda & C°. Achterstallige vorderingen in de contractingactiviteit betreffen o.a. afrekeningen en bijkomende verrekeningen, maar die nog het voorwerp uitmaken van budgettaire inschrijvingen of die deel uitmaken van een globaal akkoord. Bij Van Laere is, in het kader van het project Président in Luxemburg, een gerechtelijke procedure aan de gang. Hiervoor werden geen provisies aangelegd. Ook bij CFE en DEME zijn er een aantal onderhandelingen en/of procedures lopend.
Verwachte verliezen op werven worden adequaat voorzien via waardeverminderingen op werven, opgenomen in de balansrubriek 'Onderhanden projecten in opdracht van derden' (Toelichting 13).
| (€ 1.000) | Financiële activa voor handelsdoeleinden |
Financiële activa beschikbaar voor verkoop |
Vorderingen |
|---|---|---|---|
| Boekjaar 2015 | |||
| Gecumuleerde waardeverminderingen - beginsaldo | 0 | -71.590 | -44.284 |
| Wijzigingen in de consolidatiekring | -319 | ||
| Bijzondere WV geboekt tijdens het boekjaar | -807 | -13.438 | |
| Bijzondere WV teruggenomen tijdens het boekjaar | 252 | 6.050 | |
| Bijzondere WV uitgeboekt tijdens het boekjaar | 167 | 33 | |
| Impact wisselkoerswijzigingen | -144 | ||
| Overboekingen van (naar) andere posten | 542 | -1.747 | |
| Gecumuleerde waardeverminderingen - eindsaldo | 0 | -71.436 | -53.849 |
| Boekjaar 2016 | |||
| Gecumuleerde waardeverminderingen - beginsaldo | 0 | -71.436 | -53.849 |
| Wijzigingen in de consolidatiekring | -9 | -267 | |
| Bijzondere WV geboekt tijdens het boekjaar | -207 | -5.789 | |
| Bijzondere WV teruggenomen tijdens het boekjaar | 7.623 | ||
| Bijzondere WV uitgeboekt tijdens het boekjaar | 4.475 | 2.533 | |
| Impact wisselkoerswijzigingen | -832 | ||
| Overboekingen van (naar) andere posten | 5.613 | ||
| Gecumuleerde waardeverminderingen - eindsaldo | -67.177 | -44.968 |
De financiële activa beschikbaar voor verkoop noteren gecumuleerde waardeverminderingen voor een totaal van 67,2 miljoen euro. Deze zijn o.m. toe te wijzen aan het segment AvH & Growth Capital, met als voornaamste de in 2008 geboekte waardevermindering op Ageas (ex-Fortis)-aandelen (44,3 miljoen euro) alsook een aantal oude investeringen die in het verleden werden afgewaardeerd. De waardeverminderingen op vorderingen vloeien grotendeels voort uit de integrale consolidatie van DEME, CFE en Rent-A-Port. De inning van een oude vordering door deze laatste gaf aanleiding tot het verwerken van een terugname van waardervermindering. De uitboeking van waardeverminderingen is deels toe te schrijven aan de afwikkeling van één van de Roemeense activiteiten van Extensa, waarmee zij de historisch aangelegde waardeverminderingen op haar Roemeense activiteiten deels kon afbouwen.Tevens bevat deze rubriek waardeverminderingen op de leasingportefeuille van Bank J.Van Breda & C°.
Door het internationaal karakter van haar activiteit en de uitvoering van contracten in vreemde valuta loopt DEME blootstelling op aan vreemde valuta en de waardeschommelingen daarvan. DEME dekt doorgaans deze risico's in door gebruik te maken van financiële hedges en termijncontracten. Bij CFE bevinden de meeste activiteiten zich binnen de euro-zone doch wordt getracht de blootstelling aan de fluctuaties van vreemde valuta te beperken.
Rent-A-Port is vooral actief in landen buiten de euro-zone en wordt vnl. aan de USD blootgesteld aangezien de meeste commerciële contracten in USD worden afgesloten. Dit is ook het geval in Vietnam, waar de verkopen worden gerealiseerd in USD.
Extensa Group is aanwezig in Turkije en Roemenië met bijgevolg lokale activiteiten onderhevig aan wisselkoersschommelingen. In Turkije loopt Extensa een risico op de Turkse Lire op de project-marges uit de verkopen op plan van appartementen. Bij de analyse van projecten onderhevig aan wisselkoersschommelingen wordt in de verwachte opbrengsten rekening gehouden met een décote die het volatiliteitsrisico reflecteert.
Door de activiteit en investering in Zwitserland staat Leasinvest Real Estate bloot aan een wisselkoersrisico, namelijk de volatiliteit van de Zwitserse Frank ten opzichte van de euro. Dit kan leiden tot een aanpassing van de actiefwaarde van de activa, alsook tot een variabiliteit in de netto kasstromen. Om dit risico te temperen wordt via een cross-currency swap de variabiliteit van de reële waarde van het actief geneutraliseerd door fluctuaties in de reële waarde van de swap. De variabiliteit in de netto kasstromen wordt getemperd door een natuurlijke afdekking waarbij zoveel als mogelijk de uitgaven in Zwitserse frank worden afgestemd met de inkomsten in Zwitserse frank.
Het wisselkoersrisico van Bank J.Van Breda & C° is beperkt, aangezien de bank enkel actief is in België en door de aard van haar cliënteel geen eigen materiële muntposities heeft. Agidens, wereldwijd aanwezig waardoor ze een (beperkt) wisselkoersrisico kent op de US Dollar en Zwitserse Frank, beheerst haar valutarisico door in de mate van het mogelijke kosten en opbrengsten van de resp. groepsmaatschappij in eenzelfde munt te laten geschieden (natural hedging). Desgevallend wordt er een valutaswap met erkende en gereputeerde tegenpartijen afgesloten.
De strategie van AvH om zich ook te richten op opkomende markten resulteerde in 2 investeringen in Indische Rupie (19,9% belang in Sagar Cements, 50% in Oriental Quarries & Mines). Dit wisselkoersrisico is niet ingedekt, aangezien het lange termijn-investeringen betreffen.
De overige integraal geconsolideerde participaties zijn niet onderhevig aan significante wisselkoersrisico's aangezien zij voornamelijk actief zijn in de euro-zone.
Verschillende niet-integraal geconsolideerde participaties zoals Delen Investments en Sipef, maar ook Manuchar, Telemond Groep, Turbo's Hoet Groep e.a. zijn in belangrijke mate actief buiten de euro-zone. Het wisselkoersrisico wordt in die gevallen telkens op het niveau van de deelneming zelf opgevolgd en aangestuurd.
Het wisselkoersrisico bij Delen Investments beperkt zich tot de participaties in deviezen (JM Finn & Co en in mindere mate Delen Suisse). De netto-exposure op het Britse Pond wordt beperkt doordat de impact van een wisselkoersschommeling op het eigen vermogen van JM Finn & Co geneutraliseerd wordt door een tegenovergestelde impact op de liquiditeitsverplichting op de resterende 20% in JM Finn & Co. Bij Sipef wordt het grootste deel van de kosten gemaakt in het buitenland (Indonesië en Papoea-Nieuw-Guinea), terwijl de verkopen in USD worden gerealiseerd. Dit is een structureel risico dat door de onderneming niet wordt ingedekt en dus als algemeen bedrijfsrisico wordt beschouwd. Transactionele risico's zijn over het algemeen beperkt door korte betalingstermijnen en omrekeningsverschillen worden beperkt door de functionele valuta en rapporteringsmunt maximaal gelijk te schakelen. Manuchar is blootgesteld aan wisselkoersrisico's tussen de USD en de lokale munten van de landen waarin het distributie-activiteiten voorziet. Om deze risico's in te dekken worden de posities opgevolgd en wanneer nodig worden indekkingen opgezet. Bij de Telemond Groep wordt in Polen geproduceerd, terwijl de verkopen worden gerealiseerd in de euro-zone. Het wisselkoersrisico dat hierdoor wordt gelopen, is niet ingedekt en wordt beschouwd als een algemeen bedrijfsrisico. Turbo's Hoet Groep tenslotte heeft over de jaren heen een belangrijke aanwezigheid uitgebouwd in Oost-Europa, meer bepaald in Bulgarije, Roemenië, Rusland en Wit-Rusland. Turbo's Hoet Groep realiseert haar omzet in die markten op basis van lokale munt. Ook al streeft Turbo's Hoet Groep er weliswaar naar om eventuele dalingen van die lokale munten ten laste te leggen van de finale klant, de marktomstandigheden laten dit niet steeds toe.
| Poolse Zloty | 4,41 | 4,36 |
|---|---|---|
| 1 euro = x vreemde valuta | Slotkoers | Gemiddelde koers | Slotkoers | Gemiddelde koers | |
|---|---|---|---|---|---|
| Australische Dollar | 1,46 | 1,49 | Qatarese Rial | 3,84 | 4,03 |
| Britse Pond | 0,85 | 0,82 | Roemeense Leu | 4,54 | 4,49 |
| Bulgaarse Lev | 1,96 | 1,96 | Russische Roebel | 64,35 | 73,15 |
| CFA Frank | 655,96 | 655,96 | Singapore Dollar | 1,52 | 1,53 |
| Hongaarse Forint | 309,83 | 311,42 | Tunesische Dinar | 2,43 | 2,38 |
| Indische Rupie | 71,55 | 74,22 | Turkse Lire | 3,71 | 3,34 |
| Marokkaanse Dirham | 10,69 | 10,85 | US Dollar | 1,05 | 1,11 |
| Nigeriaanse Naira | 321,75 | 286,59 | Vietnamese Dong | 23.989,80 | 24.686,19 |
| (€ 1.000) | Financiële vaste activa |
Geldbeleggingen |
|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - boekjaar 2015 | ||
| Voor verkoop beschikbare financiële activa: beginsaldo reële waarde | 148.847 | 634.713 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - boekwaarde | 128.735 | 606.088 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - aanpassing aan reële waarde | 20.112 | 20.273 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - te ontvangen intresten | 8.352 | |
| Aanschaffingen | 11.439 | 338.685 |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | ||
| Actuarieel rendement | -7.915 | |
| Overdrachten (-) | -68.818 | -331.372 |
| Toename (afname) door wijzigingen in de reële waarde | 14.939 | 1.847 |
| Bijzondere WV opgenomen in de resultatenrekening (-) | -391 | -416 |
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | 1.822 | |
| Overboeking van (naar) andere posten | -4.348 | 416 |
| Overige toename (afname) | -177 | -1.708 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa: eindsaldo reële waarde | 101.491 | 636.073 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - boekwaarde | 66.440 | 608.041 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - aanpassing aan reële waarde | 35.051 | 21.388 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - te ontvangen intresten | 6.644 |
| (€ 1.000) | Financiële vaste activa |
Geldbeleggingen |
|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - boekjaar 2016 | ||
| Voor verkoop beschikbare financiële activa: beginsaldo reële waarde | 101.491 | 636.073 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - boekwaarde | 66.440 | 608.041 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - aanpassing aan reële waarde | 35.051 | 21.388 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - te ontvangen intresten | 6.644 | |
| Aanschaffingen | 16.854 | 531.929 |
| Verwervingen door middel van bedrijfscombinaties | 1.355 | |
| Actuarieel rendement | -6.234 | |
| Overdrachten (-) | -2.113 | -539.090 |
| Toename (afname) door wijzigingen in de reële waarde | -3.179 | -1.808 |
| Bijzondere WV opgenomen in de resultatenrekening (-) | -207 | |
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | 1.055 | |
| Overboeking van (naar) andere posten | -15 | 207 |
| Overige toename (afname) | 4 | -1.874 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa: eindsaldo reële waarde | 113.043 | 621.405 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - boekwaarde | 81.170 | 598.033 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - aanpassing aan reële waarde | 31.873 | 18.598 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa - te ontvangen intresten | 4.775 |
De rubriek 'Voor verkoop beschikbare financiële vaste activa' bestaat voor ongeveer 70,8 miljoen euro uit het 10%-belang dat Leasinvest Real Estate aanhoudt in de gereglementeerde vastgoedvennootschap Retail Estates.
Green Offshore nam in 2016 deel aan de kapitaalverhogingen en financieringen bij Rentel en Otary, terwijl AvH intekende op de kapitaalverhoging bij Ogeda (ex-Euroscreen) en een belang van 15% in OncoDNA verwierf.
De verkopen bleven beperkt met een verdere daling van het belang van AvH in Koffie F. Rombouts (tot 8%) als voornaamste.
De lagere beurskoers van Retail Estates verklaart de daling van de latente meerwaarde met 3,2 miljoen euro (tot 31,9 miljoen euro).
| De geldbeleggingen bestaan uit (€ 1.000) : | Aantal aandelen | Reële waarde |
|---|---|---|
| Beleggingsportefeuille bij Bank J.Van Breda & C° | 582.039 | |
| Fondsen beheerd door Delen Private Bank | 26.504 | |
| Ageas | 278.284 | 10.466 |
| KBC | 20.000 | 1.177 |
| Andere | 1.220 | |
| 621.405 |
De aanschaffingen en overdrachten zijn in grote mate toe te wijzen aan Bank J.Van Breda & C° en betreffen transacties gerealiseerd in het kader van haar Asset & Liability Management (ALM).
| Per segment wordt de reële waarde van de geldbeleggingen als volgt opgedeeld (€ 1.000) : | Reële waarde |
|---|---|
| Private Banking (vnl. Bank J.Van Breda & C°) | 582.069 |
| AvH & Growth Capital | 39.019 |
| Real Estate & Senior Care | 317 |
| Marine Engineering & Contracting | 0 |
| Energy & Resources | 0 |
| 621.405 |
Kredietrisico van de beleggingsportefeuille van Bank J.Van Breda & C°
en aandelen. De beleggingsportefeuille bevat geen overheidsobligaties van Portugal, Italië, Ierland, Griekenland of Spanje.
Het risicoprofiel van de beleggingsportefeuille wordt al jarenlang bewust erg laag gehouden. Op geconsolideerd niveau bevat de beleggingsportefeuille eind 2016 80% overheidsobligaties (inclusief overheidsgegarandeerde obligaties) met een minimumrating Aa3 (Moody's ratingklasse), 19% bedrijfsobligaties (inclusief commercial paper) en minder dan 1% financiële obligaties
Het investeringskader, dat jaarlijks ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de raad van bestuur van Bank J.Van Breda & C°, bepaalt waarin belegd kan worden en welke limieten gelden. In de onderstaande tabel vindt u de samenstelling van de beleggingsportefeuille naar rating en eindvervaldag.
| Samenstelling beleggingsportefeuille op 31/12/2016 | Naar rating | Naar restlooptijd | |
|---|---|---|---|
| Overheidsobligaties Aaa | 24,2% | 2017 | 29,8% |
| Overheidsobligaties Aa1 | 25,5% | 2018 | 25,0% |
| Overheidsobligaties Aa2 | 10,0% | 2019 | 19,2% |
| Overheidsobligaties Aa3 | 20,8% | 2020 | 12,8% |
| Bedrijfsobligaties en commercial paper | 18,7% | 2021 | 3,8% |
| Obligaties van kredietinstelllingen en perpetuals | 0,7% | >2022 | 9,0% |
| Aandelen en andere | 0,1% | onbepaald | 0,3% |
| (€ 1.000) | Reële waarde | Boekwaarde | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | |
| I. Interbancaire vorderingen | ||||
| Binnenlandse kredietinstellingen | 36.207 | 48.253 | 36.177 | 48.249 |
| Buitenlandse kredietinstellingen | 37.853 | 36.900 | 37.853 | 36.900 |
| Te ontvangen interesten | 126 | 71 | 126 | 71 |
| Totaal kredietinstellingen | 74.186 | 85.224 | 74.156 | 85.220 |
| II. Leningen en vorderingen op cliënten | ||||
| Wissels en eigen accepten | ||||
| Investeringskredieten en financieringen | 2.295.302 | 2.263.952 | 2.092.793 | 2.057.908 |
| FV aanpassing ingedekte kredieten (FV hedge) | 11.469 | 8.096 | 11.469 | 8.096 |
| Hypothecaire leningen | 1.661.081 | 1.454.294 | 1.535.556 | 1.325.626 |
| Werkingskredieten | 407.839 | 384.281 | 405.880 | 382.798 |
| Overige | 7.752 | 4.883 | 7.748 | 4.881 |
| Te ontvangen interesten | 6.041 | 6.163 | 6.041 | 6.163 |
| Totaal cliënten | 4.389.484 | 4.121.669 | 4.059.487 | 3.785.472 |
| III. Tegoeden centrale banken | ||||
| Tegoeden bij centrale banken | 34.993 | 29.370 | 34.993 | 29.370 |
| Te ontvangen interesten | ||||
| Totaal tegoeden bij centrale banken | 34.993 | 29.370 | 34.993 | 29.370 |
| Totaal vorderingen op kredietinstellingen & clienten | 4.498.663 | 4.236.263 | 4.168.636 | 3.900.062 |
De integrale consolidatie van Bank J.Van Breda & C° resulteert in de opname van specifieke bancaire vorderingen en schulden in de balans van AvH. Deze rubrieken werden gegroepeerd om de balans zo transparant mogelijk te houden.
De leningen en vorderingen op cliënten omvatten:
De sterke prestaties van de bank verklaren de toename van de leningen en vorderingen op cliënten.
De kredietportefeuille van Bank J.Van Breda & C° is zeer gespreid binnen het lokale economische weefsel van familiale ondernemingen en vrije beroepen. ABK bank richt zich op particulieren en heeft nog een historische relatie met zelfstandigen. De bank hanteert hierbij concentratielimieten per sector en maximale kredietbedragen per relatie. De kredietportefeuille van de divisie Van Breda Car Finance (ABK bank) bestaat uit autofinancieringen en financiële autoleasing en wordt gekenmerkt door een zeer grote spreiding. Door een voortdurend verder verfijnen van de acceptatiecriteria en door een proactieve debiteurenopvolging geniet ook deze portefeuille een laag risicoprofiel.
De kredietportefeuille is onderverdeeld in risicocategorieën die elk hun specifieke opvolging krijgen. Over de kredieten uit de hoogste risicocategorie wordt periodiek gerapporteerd aan de raad van bestuur van Bank J.Van Breda & C°.
Vorderingen die dubieus worden, worden overgedragen naar de afdeling Betwiste Zaken. Er gelden criteria voor verplichte overdracht wanneer bepaalde gebeurtenissen zich voordoen bij de cliënten, kredietnemers of borgen. Op de kredieten in de hoogste risicocategorie en op de vorderingen die dubieus worden, worden waardeverminderingen geboekt.
| (€ 1.000) | Niet vervallen |
Vervallen < 30 d |
30 d < vervallen < 60 d |
60 d < vervallen < 120 d |
120 d < Vervallen |
Dubieus | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal | |||||||
| Vervaldagenbalans 2015 | |||||||
| Binnenlandse kredietinstellingen | 48.249 | 48.249 | |||||
| Buitenlandse kredietinstellingen | 36.900 | 36.900 | |||||
| Te ontvangen interesten | 71 | 71 | |||||
| Totaal kredietinstellingen | 85.220 | 85.220 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Wissels en eigen accepten | 0 | 0 | |||||
| Investeringskredieten en financieringen | 2.066.004 | 2.009.362 | 34.884 | 6.846 | 2.621 | 2.985 | 9.306 |
| Hypothecaire leningen | 1.325.626 | 1.305.361 | 12.175 | 4.045 | 3.294 | 32 | 719 |
| Werkingskredieten | 382.798 | 372.195 | 8.641 | 227 | 434 | 30 | 1.271 |
| Overige | 4.881 | 4.881 | |||||
| Te ontvangen interesten | 6.163 | 6.163 | |||||
| Totaal cliënten | 3.785.472 | 3.697.962 | 55.700 | 11.118 | 6.349 | 3.047 | 11.296 |
| Tegoeden centrale banken | 29.370 | 29.370 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| (€ 1.000) | Niet vervallen |
Vervallen < 30 d |
30 d < vervallen < 60 d |
60 d < vervallen < 120 d |
120 d < Vervallen |
Dubieus | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal | |||||||
| Vervaldagenbalans 2016 | |||||||
| Binnenlandse kredietinstellingen | 36.177 | 36.177 | |||||
| Buitenlandse kredietinstellingen | 37.853 | 37.853 | |||||
| Te ontvangen interesten | 126 | 126 | |||||
| Totaal kredietinstellingen | 74.156 | 74.156 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Wissels en eigen accepten | 0 | 0 | |||||
| Investeringskredieten en financieringen | 2.104.262 | 2.048.033 | 35.209 | 6.166 | 2.996 | 612 | 11.246 |
| Hypothecaire leningen | 1.535.556 | 1.517.057 | 11.609 | 3.338 | 1.485 | 266 | 1.801 |
| Werkingskredieten | 405.880 | 399.463 | 3.723 | 163 | 60 | 0 | 2.471 |
| Overige | 7.748 | 7.748 | |||||
| Te ontvangen interesten | 6.041 | 6.041 | |||||
| Totaal cliënten | 4.059.487 | 3.978.342 | 50.541 | 9.667 | 4.541 | 878 | 15.518 |
| Totaal centrale banken | 34.993 | 34.993 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| I. Voorraden, nettobedrag | 114.536 | 98.981 |
| Bruto-boekwaarde | 117.507 | 100.884 |
| Grond- en hulpstoffen | 59.482 | 35.655 |
| Goederen in bewerking | 0 | 0 |
| Gereed product | 0 | 0 |
| Handelsgoederen | 439 | 232 |
| Onroerende goederen bestemd voor verkoop | 57.586 | 64.997 |
| Afschrijvingen en andere waardeverminderingen (-) | -2.972 | -1.903 |
| Geboekte WV op voorraden in resultatenrekening tijdens het boekjaar | -2.217 | -749 |
| Terugname WV op voorraden in resultatenrekening tijdens het boekjaar | 252 | 644 |
| II. Onderhanden projecten in opdracht van derden | ||
| Bedrag door (aan) opdrachtgevers verschuldigd voor onderhanden projecten, netto | 453.377 | 418.079 |
| Bedrag door klanten verschuldigd (inclusief handelsvorderingen) | 547.580 | 489.121 |
| Bedrag aan klanten verschuldigd (inclusief handelsschulden) (-) | -94.203 | -71.042 |
| Ontvangen vooruitbetalingen | -127.874 | -70.046 |
| Onderhanden projecten op afsluitdatum | ||
| Bedrag van gemaakte kosten en opgenomen winsten min verliezen | 6.057.646 | 6.423.580 |
| Bedrag van gerealiseerde opbrengsten | -5.604.269 | -6.005.501 |
| Ingehouden bedragen | 6.100 | 5.255 |
De vastgoedpromotieprojecten van CFE zitten hoofdzakelijk vervat in de rubriek 'Onroerende goederen bestemd voor verkoop'.
Onderhanden projecten van CFE, DEME, Algemene Aannemingen Van Laere en Agidens worden gewaardeerd volgens de "Percentage of Completion"-methode, waarbij resultaat erkend wordt a rato van de vooruitgang van de werken. Voorziene verliezen worden evenwel onmiddellijk ten laste van het resultaat geboekt.
De vastgoedpromotieprojecten van Extensa (vnl. Tour&Taxis, Cloche d'Or Luxemburg en Turkije) zitten tevens in deze balansrubriek vervat aangezien de resultaatserkenning van de verkochte entiteiten nog in aanbouw ook volgens de "Percentage of Completion"-methode verloopt.
De vooruitgang van de werken wordt bepaald op basis van de gemaakte kosten in verhouding tot de verwachte kostprijs van het ganse project.
| (€ 1.000) | Minderheidsbelang % | Minderheidsbelang in de AvH-balans |
Aandeel minderheids belang in winst van het boekjaar |
|||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | |
| I. Marine Engineering & Contracting | ||||||
| CFE - DEME | 39,60% | 39,60% | 596.755 | 554.519 | 70.079 | 69.988 |
| II. Private Banking | ||||||
| Finaxis | 21,25% | 21,25% | 54.945 | 53.664 | -272 | -191 |
| Bank J.Van Breda & C° | 21,25% | 21,25% | 77.232 | 74.252 | 8.097 | 8.668 |
| Delen Investments (1) | 21,25% | 21,25% | 108.577 | 100.364 | 20.496 | 22.133 |
| III. Real Estate & Senior Care | ||||||
| Leasinvest Real Estate | 69,99% | 69,99% | 249.376 | 253.579 | 21.470 | 21.540 |
| HPA (2) | 29,14% | 21.070 | 2.412 | |||
| IV. AvH & Growth Capital (3) | ||||||
| Sofinim en geconsolideerde participaties | 26,00% | 3.104 | 146.084 | 438 | 26.844 | |
| Overige | 22.207 | 25.812 | 19.095 | 4.195 | ||
| Totaal | 1.133.265 | 1.208.273 | 141.816 | 153.175 |
(1) De gezamenlijke controle over Delen Investments resulteert in de opname volgens vermogensmutatie. Niettegenstaande de minderheidsbelangen m.b.t. JM Finn & Co door deze opname volgens de vermogensmutatie-methode niet zichtbaar zijn in de geconsolideerde balans van AvH, worden deze toch in dit overzicht gerapporteerd omwille van de con sistentie met de geconsolideerde jaarrekening van Delen Investments.
(2) In januari 2016 heeft AvH een bijkomende schijf (16%) in Holding Groupe Duval omgeruild tegen 25% in Patrimoine & Santé. Patrimoine & Santé is een Franse vennootschap die investeert in het onroerend goed dat door rusthuisgroep Residalya wordt geëxploiteerd. Vervolgens hebben AvH en leden van het management van Residalya hun respectievelijke belangen in zowel Residalya als in Patrimoine & Santé gegroepeerd onder een nieuwe holdingvennootschap HPA. HPA bezit per einde 2016 100% van het kapitaal van Residalya en 73,7% van Patrimoine & Santé. HPA consolideert deze beide vennootschappen integraal. AvH bezit op haar beurt 70,86% van het kapitaal van HPA en consolideert dit belang integraal.
(3) AvH heeft op 30 september 2016 minderheidsaandeelhouder (26%) NPM Capital bij Sofinim uitgekocht en bezit sindsdien 100% van Sofinim. AvH nam Sofinim reeds vroeger op volgens integrale consolidatie, met een minderheidsbelang van 26%. De aankoop van dit minderheidsbelang leidt (mechanisch) tot een stijging van het belangenpercentage in de deelnemingen die via Sofinim worden aangehouden. De hogere deelnemingspercentages die daaruit volgen zijn toegepast in de resultatenrekening vanaf Q4 2016.
| CFE | Bank J. Van Breda & C° |
Delen Investments |
Leasinvest Real Estate |
HPA | Agidens | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 2.797.085 | 133.964 | 313.071 | 56.647 | 105.578 | 75.026 |
| Winst (verlies) uit de bedrijfsactiviteiten | 227.570 | 53.593 | 118.902 | 43.895 | 3.734 | 2.636 |
| Financieel resultaat | -23.954 | -10.188 | -5.877 | -408 | ||
| Winst (verlies) vóór belasting | 202.832 | 55.232 | 118.902 | 33.707 | -2.143 | 2.228 |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 172.252 | 37.815 | 89.695 | 31.118 | 4.493 | 1.588 |
| Op het niveau van de onderneming zelf | 172.252 | 37.815 | 89.695 | 31.118 | 4.493 | 1.588 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | 3.841 | 79 | 1.818 | 1.557 | ||
| - Aandeel van de groep | 168.411 | 37.736 | 87.877 | 31.118 | 2.936 | 1.588 |
| Op het niveau van AvH (1) | 171.102 | 37.815 | 89.695 | 31.540 | 4.493 | 1.588 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | 70.079 | 8.097 | 20.496 | 21.470 | 2.412 | 438 |
| - Aandeel van de groep | 101.023 | 29.718 | 69.199 | 10.070 | 2.080 | 1.150 |
(1) Inclusief beperkt aantal consolidatieherwerkingen
| CFE | Bank J. Van Breda & C° |
Delen Investments |
Leasinvest Real Estate |
Growth Capital |
|
|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 3.239.406 | 133.872 | 314.094 | 50.455 | 64.373 |
| Winst (verlies) uit de bedrijfsactiviteiten | 228.905 | 58.725 | 128.660 | 48.158 | 57.578 |
| Financieel resultaat | -32.589 | -17.069 | 244 | ||
| Winst (verlies) vóór belasting | 233.075 | 60.446 | 128.660 | 31.089 | 35.320 |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 174.024 | 40.544 | 94.907 | 30.618 | 33.869 |
| Op het niveau van de onderneming zelf | 174.024 | 40.544 | 94.907 | 30.618 | |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | -937 | 65 | 2.490 | 0 | |
| - Aandeel van de groep | 174.961 | 40.479 | 92.417 | 30.618 | |
| Op het niveau van AvH (1) | 178.158 | 40.544 | 94.907 | 31.462 | 33.869 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | 69.988 | 8.668 | 22.133 | 21.540 | 26.844 |
| - Aandeel van de groep | 108.171 | 31.876 | 72.774 | 9.922 | 7.025 |
(1) Inclusief beperkt aantal consolidatieherwerkingen
| CFE | Bank J. Van Breda & C° |
Delen Investments |
Leasinvest Real Estate |
HPA | Agidens | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Op het niveau van de onderneming zelf | 162.894 | 36.830 | 85.653 | 17.192 | 4.596 | 1.450 |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 172.252 | 37.815 | 89.695 | 31.118 | 4.493 | 1.588 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | 3.841 | 79 | 1.818 | 0 | 1.557 | 0 |
| - Aandeel van de groep | 168.411 | 37.736 | 87.877 | 31.118 | 2.936 | 1.588 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -9.358 | -985 | -4.042 | -13.926 | 103 | -138 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | -125 | 0 | 0 | 0 | 34 | 0 |
| - Aandeel van de groep | -9.233 | -985 | -4.042 | -13.926 | 70 | -138 |
| Op het niveau van AvH | 161.744 | 36.830 | 85.653 | 18.066 | 4.596 | 1.450 |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 171.102 | 37.815 | 89.695 | 31.540 | 4.493 | 1.588 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | 70.079 | 8.097 | 20.496 | 21.470 | 2.412 | 438 |
| - Aandeel van de groep | 101.023 | 29.718 | 69.199 | 10.070 | 2.080 | 1.150 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -9.358 | -985 | -4.042 | -13.474 | 103 | -138 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | -3.758 | -209 | -859 | -9.431 | 54 | -119 |
| - Aandeel van de groep | -5.600 | -776 | -3.183 | -4.043 | 49 | -19 |
| CFE | Bank J. Van Breda & C° |
Delen Investments |
Leasinvest Real Estate |
Growth Capital |
|
|---|---|---|---|---|---|
| Op het niveau van de onderneming zelf | 166.255 | 38.942 | 95.861 | 48.901 | |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 174.024 | 40.544 | 94.907 | 30.618 | |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | -937 | 65 | 2.490 | 0 | |
| - Aandeel van de groep | 174.961 | 40.479 | 92.417 | 30.618 | |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -7.769 | -1.602 | 954 | 18.283 | |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | 703 | 0 | 0 | 0 | |
| - Aandeel van de groep | -8.472 | -1.602 | 954 | 18.283 | |
| Op het niveau van AvH | 170.389 | 38.942 | 95.861 | 49.404 | |
| Winst (verlies) van het boekjaar | 178.158 | 40.544 | 94.907 | 31.462 | 33.869 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | 69.988 | 8.668 | 22.133 | 21.540 | 26.844 |
| - Aandeel van de groep | 108.171 | 31.876 | 72.774 | 9.922 | 7.025 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -7.769 | -1.602 | 954 | 17.942 | 1.548 |
| - Aandeel van het minderheidsbelang | -2.667 | -340 | 203 | 12.558 | 543 |
| - Aandeel van de groep | -5.102 | -1.262 | 751 | 5.384 | 1.006 |
| CFE | Bank J. Van Breda & C° |
Delen Investments |
Leasinvest Real Estate |
HPA | Agidens | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Vaste activa | 2.400.217 | 3.284.508 | 327.465 | 896.179 | 313.148 | 18.790 |
| Vlottende activa | 1.928.002 | 1.707.732 | 1.853.878 | 92.262 | 24.076 | 34.032 |
| Langlopende verplichtingen | 941.074 | 726.103 | 98.870 | 444.362 | 210.500 | 6.019 |
| Kortlopende verplichtingen | 1.850.668 | 3.747.742 | 1.460.752 | 187.672 | 49.594 | 24.240 |
| Eigen vermogen | 1.536.477 | 518.395 | 621.721 | 356.407 | 77.130 | 22.564 |
| - Deel groep | 1.521.559 | 518.257 | 621.204 | 356.407 | 61.062 | 22.564 |
| - Minderheidsbelangen | 14.918 | 138 | 517 | 0 | 16.068 | |
| Dividend uitgekeerd aan derden | -24.060 | -4.361 | -9.633 | -16.236 | -56 | -9.212 |
| CFE | Bank J. Van Breda & C° |
Delen Investments |
Leasinvest Real Estate |
Growth Capital |
|
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste activa | 2.405.671 | 3.050.400 | 326.855 | 954.243 | 213.637 |
| Vlottende activa | 1.896.488 | 1.667.433 | 1.763.309 | 22.059 | 343.390 |
| Langlopende verplichtingen | 990.578 | 797.298 | 116.287 | 395.948 | 7.130 |
| Kortlopende verplichtingen | 1.877.181 | 3.418.777 | 1.390.876 | 217.944 | 27.306 |
| Eigen vermogen | 1.434.400 | 501.758 | 583.001 | 362.410 | 522.591 |
| - Deel groep | 1.423.277 | 501.633 | 582.554 | 362.405 | 376.507 |
| - Minderheidsbelangen | 11.123 | 125 | 447 | 5 | 146.084 |
| Dividend uitgekeerd aan derden | -20.050 | -3.108 | -6.800 | -15.728 | -1.560 |
| (€ 1.000) | < 1 jaar | 1 jaar < < 5 jaar |
> 5 jaar | Totaal 2016 |
< 1 jaar | 1 jaar < < 5 jaar |
> 5 jaar | Totaal 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Resterende looptijd | Resterende looptijd | |||||||
| I. Leasinggever - financiële lease | ||||||||
| Bruto lease-investeringen | 52.032 | 121.648 | 37.348 | 211.027 | 48.346 | 105.805 | 39.544 | 193.695 |
| Contante waarde van minimale leasebetalingen | 45.822 | 108.858 | 20.414 | 175.095 | 42.208 | 92.727 | 21.229 | 156.164 |
| Onverdiende financieringsbaten | 35.933 | 37.531 | ||||||
| Geaccumuleerde waardeverminderingen voor oninbare te vorderen minimale leasebetalingen |
3.760 | 4.525 | ||||||
| Debiteuren leasing | 2.028 | 2.028 | 1.542 | 1.542 |
Via haar dochteronderneming Van Breda Car Finance (ABK bank) is Bank J.Van Breda & C° actief in de sector van de autofinanciering en de financiële autoleasing. Voorts heeft Extensa een beperkt aantal vastgoedleasings in portefeuille en zit de lange termijnverhuur door Leasinvest Real Estate van het Rijksarchief te Brugge aan de Regie de Gebouwen in deze balanspost vervat.
| (€ 1.000) | < 1 jaar | 1 jaar < < 5 jaar |
> 5 jaar | Totaal 2016 |
< 1 jaar | 1 jaar < < 5 jaar |
> 5 jaar | Totaal 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Resterende looptijd | Resterende looptijd | |||||||
| II. Leasingnemer - financiële lease | ||||||||
| Minimale leasebetalingen - totaal | 55.247 | 64.547 | 24.058 | 143.851 | 22.253 | 82.543 | 29.316 | 134.112 |
| Minimale leasebetalingen - rente (-) | -3.044 | -7.397 | -1.762 | -12.203 | -4.476 | -5.686 | -2.090 | -12.253 |
| Contante waarde van de minimale leasebetalingen | 52.202 | 57.150 | 22.296 | 131.648 | 17.776 | 76.856 | 27.226 | 121.859 |
| Uitsplitsing leaseverplichtingen naar activa: Terreinen en gebouwen | 38.922 | 17.306 | ||||||
| Installaties, machines en uitrusting | 88.516 | 100.603 | ||||||
| Meubilair en rollend materieel | 4.211 | 3.950 | ||||||
| (€ 1.000) | < 1 jaar | 1 jaar < < 5 jaar |
> 5 jaar | Totaal 2016 |
< 1 jaar | 1 jaar < < 5 jaar |
> 5 jaar | Totaal 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Resterende looptijd | Resterende looptijd | |||||||
| III. Leasingnemer - operationele lease | ||||||||
| Toekomstige minimale leasebetalingen onder niet-opzegbare operationele leases |
14.094 | 17.524 | 10.603 | 42.221 | 14.074 | 18.403 | 11.182 | 43.660 |
| Operationele lease- en subleasebetalingen opgenomen in de winst- en verliesrekening |
13.781 | 10.883 |
Tengevolge de integrale consolidatie van Patrimoine & Santé nemen de financiële leases met ongeveer 25 miljoen euro toe aangezien ongeveer een kwart van de gebouwen financiële leases betreffen. De overige financiële leasingschulden hebben vnl. betrekking op vaartuigen van DEME (Charlemagne, Victor Horta en Thor) en gebouwen bij CFE, Van Laere en Agidens.
| (€ 1.000) | Voorzieningen voor garanties |
Voorzieningen voor gerechtelijke procedures |
Milieu voorzieningen |
Voorzieningen voor herstructure ringen |
Voorzienin gen voor contractuele verplichtingen |
Overige voorzieningen |
|
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal | |||||||
| Voorzieningen - boekjaar 2015 | |||||||
| Voorzieningen, beginsaldo | 15.180 | 5.258 | 99 | 2.721 | 0 | 108.586 | 131.844 |
| Additionele voorzieningen | 4.131 | 5.047 | 13.509 | 13.220 | 35.907 | ||
| Toename van bestaande voorzieningen | 150 | 1 | 6 | 157 | |||
| Toename door bedrijfscombinaties | 91 | 146 | 237 | ||||
| Bedrag aan gebruikte voorzieningen (-) | -1.758 | -248 | -11.415 | -14.302 | -27.721 | ||
| Terugname van niet-gebruikte voorzieningen (-) | -16 | -16 | |||||
| Afname door bedrijfsafsplitsing (-) | -2.068 | -50 | -313 | -1.202 | -3.633 | ||
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | 3 | 3 | -10 | -4 | |||
| Overboekingen van (naar) andere posten | -1.337 | -23 | -3.236 | 5.667 | 1.071 | ||
| Overige toename (afname) | 10 | 313 | -582 | -258 | |||
| Voorzieningen, eindsaldo | 14.311 | 10.076 | 99 | 1.582 | 0 | 111.515 | 137.583 |
| (€ 1.000) | Voorzieningen voor garanties |
Voorzieningen voor gerechtelijke procedures |
Milieu voorzieningen |
Voorzieningen voor herstructure ringen |
Voorzienin gen voor contractuele verplichtingen |
Overige voorzieningen |
|
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal | |||||||
| Voorzieningen - boekjaar 2016 | |||||||
| Voorzieningen, beginsaldo | 14.311 | 10.076 | 99 | 1.582 | 0 | 111.515 | 137.583 |
| Additionele voorzieningen | 4.038 | 102 | 245 | 3.389 | 7.773 | ||
| Toename van bestaande voorzieningen | 3.108 | 1.042 | 8.482 | 7.246 | 19.878 | ||
| Toename door bedrijfscombinaties | 65 | 560 | 48 | 672 | |||
| Bedrag aan gebruikte voorzieningen (-) | -1.612 | -583 | -9.499 | -4.322 | -16.017 | ||
| Terugname van niet-gebruikte voorzieningen (-) | -710 | -3.156 | -3.865 | ||||
| Afname door bedrijfsafsplitsing (-) | 0 | ||||||
| Toename (afname) door wisselkoerswijzigingen | -62 | -87 | -149 | ||||
| Overboekingen van (naar) andere posten | 20 | 4.191 | -99 | 2.827 | -9.049 | -2.111 | |
| Overige toename (afname) | 89 | 89 | |||||
| Voorzieningen, eindsaldo | 19.801 | 14.182 | 0 | 3.952 | 245 | 105.674 | 143.854 |
De controleverwerving eind 2013 over CFE gaf aanleiding tot het opnemen van een voorwaardelijke verplichting voor mogelijke risico's van 60,3 miljoen euro in verband met de bouw- en vastgoedpromotie-activiteiten van CFE. In de loop van 2014-2015 werd 11,0 miljoen euro (deel groep 6,6 miljoen euro) teruggenomen omdat de desbetreffende risico's bij CFE ofwel zijn verdwenen ofwel werden uitgedrukt in de rekeningen van CFE zelf. In 2016 werd dit bedrag verder afgebouwd met 3,0 miljoen euro (deel groep 1,8 miljoen euro). In 2016 heeft AvH voorzieningen aangelegd voor garanties en verklaringen die werden verstrekt bij de verkoop van deelnemingen en voor nog te verwachten uitgaven bij afhandeling van geschillen en risico's.
De 'Overige voorzieningen' bestaan voorts uit voorzieningen voor negatieve vermogensmutatiewaarden ten belope van 28,4 miljoen euro.
| (€ 1.000) | < 1 jaar | 1 jaar < < 5 jaar |
> 5 jaar | Totaal 2016 |
< 1 jaar | 1 jaar < < 5 jaar |
> 5 jaar | Totaal 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Resterende looptijd | Resterende looptijd | |||||||
| I. Financiële schulden | ||||||||
| Leningen van banken | 299.610 | 710.537 | 182.274 | 1.192.421 | 274.998 | 658.280 | 154.266 | 1.087.544 |
| Obligatieleningen | 396.625 | 37.424 | 434.049 | 396.562 | 20.478 | 417.040 | ||
| Achtergestelde leningen | 3.344 | 3.344 | 1.250 | 950 | 2.200 | |||
| Financiële lease-overeenkomsten | 52.202 | 44.869 | 34.577 | 131.648 | 17.776 | 76.866 | 27.217 | 121.859 |
| Overige financiële schulden | 208.819 | 3.246 | 407 | 212.473 | 146.118 | 675 | 360 | 147.153 |
| Totaal | 560.632 | 1.158.621 | 254.682 | 1.973.935 | 438.892 | 1.133.633 | 203.271 | 1.775.796 |
De financiële schulden, na intercompany-eliminatie, zijn afkomstig uit volgende segmenten:
| KT | LT | |
|---|---|---|
| Marine Engineering & Contracting | 170.021 | 681.798 |
| Real Estate & Senior Care | 370.673 | 727.785 |
| Energy & Resources | 1.440 | 5.008 |
| AvH & Growth Capital | 54.715 | 5.049 |
| Intercompany | -36.218 | -6.336 |
| 560.632 | 1.413.303 |
Het liquiditeitsrisico van DEME wordt beperkt door enerzijds de financieringen te spreiden over verschillende banken, en anderzijds in belangrijke mate te spreiden op lange termijn. DEME beschikt over belangrijke krediet- en garantielijnen bij een hele reeks internationale banken. In de kredietovereenkomsten met de desbetreffende banken zijn bepaalde ratio's (covenants) afgesproken die DEME dient na te leven. Daarnaast beschikt zij voor financiële noden op korte termijn ook over een commercial paperprogramma. De investeringen van DEME gebeuren overwegend in materiaal dat een lange levensduur heeft en over meerdere jaren wordt afgeschreven. DEME streeft er daarom ook naar een aanzienlijk deel van haar schulden op lange termijn te structureren. Om bovendien de financiering te diversifiëren over meerdere financieringsbronnen, heeft DEME in januari 2013 een obligatielening uitgegeven voor 200 miljoen euro. Deze werd geplaatst bij een gediversifieerde groep (voornamelijk privé-)investeerders. Conform de uitgiftemodaliteiten zal DEME geen tussentijdse terugbetalingen verrichten van de hoofdsom, doch alles terugbetalen op de eindvervaldag in 2019. Ook CFE is op 21 juni 2012 overgegaan tot de uitgifte van een obligatielening voor een bedrag van 100 miljoen euro. In 2014 heeft CFE tegen gunstige voorwaarden nieuwe bilaterale kredietlijnen kunnen onderhandelen die toelaten het liquiditeitsrisico te beperken.
De groep Rent-A-Port wordt voornamelijk gefinancierd door eigen middelen en door aandeelhoudersleningen. Infra Asia Investment Fund, een 56%-deelneming die via vermogensmutatie wordt verwerkt, heeft in 2016 een (non recourse) obligatie uitgegeven ter waarde van 29,2 miljoen euro + 1,8 miljoen USD voor de financiering van de activiteiten in Vietnam. Deze obligatielening is terugbetaalbaar op 7 jaar.
Van Laere eindigde 2016 met een stevige netto financiële positie van 15,4 miljoen euro, een daling evenwel met 2,4 miljoen euro tov 2015. De financiële schulden slaan voornamelijk op de 'Centrumparking Langestraat' onder het Rijksarchief te Brugge en op een bedrijfsgebouw in leasing.
Leasinvest Real Estate en Extensa Group beschikken bij hun banken over de nodige lange termijn kredietfaciliteiten en back-up lijnen voor hun commercial paper om de bestaande en toekomstige investeringsnoden te dekken. Door deze kredietfaciliteiten en back-uplijnen is het financieringsrisico ingedekt. Het liquiditeitsrisico wordt beperkt door enerzijds de financieringen te spreiden over verschillende financiële tegenpartijen en door diverse financieringsbronnen aan te spreken en anderzijds door de vervaldata te diversifiëren. Het aanspreken van diverse financieringsbronnen werd reeds in 2013 geconcretiseerd door de succesvolle plaatsing door Leasinvest Real Estate van een publieke en een private obligatielening voor een bedrag van resp. 75 miljoen euro en 20 miljoen euro en dit voor een looptijd van resp. 6 en 7 jaar. De gemiddelde duration van de financieringen bij Leasinvest Real Estate bedroeg eind 2016 na een aantal herfinancieringsoperaties 3,9 jaar (ten opzichte van 3,0 jaar eind 2015).
De expansie van Anima Care via de overnames van bestaande residenties en de bouw van nieuwe rusthuizen wordt gefinancierd via kapitaalverhoging enerzijds en bijkomend door externe financiering anderzijds. Er wordt bij de financiering van de projecten rekening gehouden met de cash-drain in de start-up fase. Residalya heeft in 2016 4 bilaterale kredietlijnen vastgelegd die hebben toegelaten om een deel van haar exploitatieschuld te herfinancieren maar die haar ook laten beschikken over een financieringsmogelijkheid voor investeringen die op korte termijn kan worden aangewend tegen vooraf bepaalde voorwaarden. De vastgoedactiviteiten van Patrimoine & Santé zijn gefinancierd door middel van lange termijn leningen met looptijden van 15 tot 25 jaar.
De schulden aangegaan door NMP ter financiering van de aanleg van de pijpleidingen (6,4 miljoen euro) kaderen in de terbeschikkingstelling van de pijpleidingen, waarbij het volledig kapitaal en de intrestlasten worden doorgerekend aan de gebruiker van de pijpleiding.
De financiële schulden in het segment AvH & Growth Capital zijn toe te wijzen aan de leasingschuld van Agidens betreffende het hoofdgebouw en de korte termijn financiële schulden van AvH & subholdings, hoofdzakelijk het door AvH uitgegeven commercial paper. AvH en AvH-CC beschikken over bevestigde kredietlijnen, gespreid over verschillende banken, die de uitstaande commercial paper-verplichtingen ruim overtreffen. Bovenop de financiële schulden onder de vorm van commercial paper heeft het segment nog 22,5 miljoen euro schulden ten opzichte van andere groepsbedrijven (het betreft deelnemingen die een deel van hun kasoverschotten in deposito brengen bij AvH Coordination Center). Deze bedragen worden uiteraard geëlimineerd in consolidatie.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| II. Schulden (of gedeelte van schulden) gewaarborgd door zakelijke zekerheden gesteld of onher roepelijk beloofd op de activa van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen |
||
| Leningen van banken | 620.068 | 646.189 |
| Financiële lease-overeenkomsten | 0 | 265 |
| Overige financiële schulden | 28.878 | 26.591 |
| Totaal | 648.946 | 673.046 |
| (€ 1.000) | Reële waarde | Boekwaarde | ||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | |
| I. Schulden aan kredietinstellingen | ||||
| Zichtdeposito's | 9.115 | 9.728 | 9.115 | 9.728 |
| Deposito's met vaste looptijd | 15.313 | 32.283 | 15.291 | 32.254 |
| Terugkoopovereenkomsten (repo's) | 0 | 0 | ||
| Overige deposito's | 0 | 0 | ||
| Te betalen interesten | 16 | 25 | 16 | 25 |
| Totaal | 24.444 | 42.036 | 24.422 | 42.007 |
| II. Schulden aan cliënten | ||||
| Zichtdeposito's | 2.020.471 | 1.631.474 | 2.020.471 | 1.631.474 |
| Deposito's met vaste looptijd | 1.359.837 | 1.521.663 | 1.326.074 | 1.476.878 |
| Speciale deposito's | 48.145 | 43.750 | 48.145 | 43.750 |
| Gereguleerde deposito's | 758.971 | 723.742 | 758.971 | 723.742 |
| Overige deposito's | 12.613 | 5.612 | 12.611 | 5.610 |
| Depositogarantiesysteem | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Te betalen interesten | 13.817 | 21.032 | 13.817 | 21.032 |
| Totaal | 4.213.854 | 3.947.273 | 4.180.089 | 3.902.486 |
| III. Schuldcertificaten inclusief obligaties | ||||
| Schuldcertificaten | 161.817 | 166.286 | 161.690 | 166.174 |
| Kasbons | 3 | 8 | 3 | 8 |
| Niet converteerbare obligaties | 0 | 0 | ||
| Te betalen interesten | 0 | 0 | ||
| Totaal | 161.820 | 166.294 | 161.693 | 166.182 |
| IV. Achtergestelde verplichtingen | ||||
| Achtergestelde verplichtingen | 72.700 | 75.278 | 64.500 | 65.274 |
| Te betalen interesten | 1.247 | 1.271 | 1.247 | 1.271 |
| Totaal | 73.947 | 76.549 | 65.747 | 66.545 |
| Totaal schulden aan kredietinstellingen, clienten & obligaties | 4.474.065 | 4.232.152 | 4.431.951 | 4.177.220 |
De integrale consolidatie van Bank J.Van Breda & C° resulteert in de opname van de specifieke bancaire vorderingen en schulden in de balans van AvH. Deze rubrieken werden gegroepeerd om de balans zo transparant mogelijk te houden.
Liquiditeitsrisico is het risico dat de bank over onvoldoende middelen beschikt of onvoldoende snel en tegen een aanvaardbare prijs middelen kan vrijmaken om aan de directe verplichtingen te voldoen. De commerciële bankactiviteiten zijn de belangrijkste bron van liquiditeitsrisico. De financieringsbronnen van een bank hebben traditioneel een kortere looptijd dan de gefinancierde activa, waardoor een maturiteitsmismatch ontstaat. Het liquiditeitsbeheer van Bank J.Van Breda & C° staat in voor de opvolging van deze mismatch en werkt een financieringsstrategie uit om dit te reduceren binnen de richtlijnen die worden vastgelegd in een liquiditeitsbeheersingskader. Ook op dit domein streeft de bank een bewust laag risicoprofiel na. Bank J.Van Breda & C° houdt een sterke en kwaliteitsvolle liquiditeitsbuffer aan om schommelingen in de thesaurie te kunnen opvangen. De buffer bedraagt 641 miljoen euro en bestaat voornamelijk uit een zeer liquide obligatieportefeuille.
De financieringsmix van de bank is zeer stabiel en de belangrijkste financieringsbron zijn de deposito's van het doelgroepcliënteel. De doelgroepklanten gebruiken de bank voor hun beleggingen en dagelijkse werking. De bank houdt ook nauwlettend de loan-to-deposit ratio in het oog en hanteert strenge limieten op deze verhouding
In de onderstaande tabel zijn de activa en passiva gegroepeerd per periode van vervaldagen.
tussen de kredietportefeuille van klanten en de klantendeposito's. Eind 2016 bedroeg deze ratio 99,97%. De afhankelijkheid van externe institutionele financiering wordt tot een minimum beperkt en bedraagt in 2016 slechts 3,7% van het balanstotaal.
In de Basel III-reglementering en de CRR/CRD IV-richtlijn werden twee nieuwe liquiditeitsratio's geïntroduceerd:
Eind 2016 bedroegen deze ratio's respectievelijk 150% en 123%. Beide ratio's bevinden zich ruim boven de ondergrens van 100% die opgelegd wordt, of zal worden in het geval van de NSFR, door de toezichthouder.
Het liquiditeitsrisico wordt permanent bewaakt door een proactief thesauriebeheer, binnen de krijtlijnen van het 'Asset & Liability Management'-kader en het investeringskader. Voor haar liquiditeitsbeheer maakt de bank o.a. gebruik van liquiditeitsgaprapporten, ratio-analyse en volumeprognoses op korte en lange termijn.
| (€ 1.000) | ≤ 1 maand | 1-3 maand | 3-12 maand | 1-5 jaar | 5-10 jaar | > 10 jaar | Onbepaald |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31/12/2016 | |||||||
| Activa | 531.000 | 236.000 | 677.000 | 2.092.000 | 1.017.000 | 392.000 | 39.000 |
| Passiva | -219.000 | -275.000 | -1.687.000 | -2.245.000 | -66.000 | 0 | -55.000 |
| Derivaten | 0 | -1.000 | -4.000 | -12.000 | 3.000 | 1.000 | 0 |
| Liquiditeitsgap | 312.000 | -40.000 | -1.014.000 | -165.000 | 954.000 | 393.000 | -16.000 |
| 31/12/2015 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Activa | 450.000 | 265.000 | 625.000 | 1.919.000 | 941.000 | 451.000 | 74.000 |
| Passiva | -234.000 | -188.000 | -1.638.000 | -1.972.000 | -102.000 | 0 | -142.000 |
| Derivaten | 0 | -1.000 | -3.000 | -8.000 | 3.000 | 0 | 0 |
| Liquiditeitsgap | 216.000 | 76.000 | -1.016.000 | -61.000 | 842.000 | 451.000 | -68.000 |
Bovenstaande tabel houdt rekening met interne assumpties voor de deposito's zonder vervaldag.
Renterisico kan gedefinieerd worden als de mate waarin de resultaten of de waarde van een financiële transactie beïnvloed worden door een verandering van de marktrentevoeten. Toegepast op een financiële instelling is renterisico de mate waarin de (rente-)inkomsten en/of de marktwaarde van deze instelling de kans lopen om nefaste gevolgen te ondervinden van een verandering van de marktrentevoeten.
De bank kiest ervoor om het renterisico op een relatief laag niveau te houden:
| (€ 1.000) | inkomens gevoeligheid |
vermogens gevoeligheid |
ecurve met 100 basispunten (1%) op: |
|---|---|---|---|
| Rente-ongevoelige zichtdeposito's | 60 maanden | Het renteresultaat | |
| Rentegevoelige zichtdeposito's | 1 dag | ||
| Semi-rentegevoelige zichtdeposito's | 6 maanden | 2 jaar | De reële waarde van het eigen vermogen |
| Gereglementeerde spaardeposito's | 6 maanden | 2 jaar |
de blootstelling van de (rente)inkomsten van de instelling aan diezelfde ongunstige rentebewegingen. De intensiteit ervan komt tot uiting in de duration gap. Hieronder verstaan we het verschil in duration van alle activa en duration van alle passiva (mismatch) waarbij de duration staat voor het gewogen gemiddelde van de looptijden van een verzameling vastrentende waarden.
De rentegevoeligheid van het eigen vermogen en van de rente-inkomsten worden opgevolgd aan de hand van scenario-analyses met wijzigende marktvoorwaarden, die toelaten de impact van stress-scenario's in te schatten. Deze vermogens- en inkomensgevoeligheid wordt berekend met de basis-pointvalue-methodologie, die de waardeverandering van de portefeuille weergeeft bij een stijging van de rentevoeten over de volledige curve. Voor de rentegevoeligheid van producten zonder vervaldag worden de assumpties zoals deze worden beschreven door de Nationale Bank van België (NBB) weerhouden. Deze worden periodiek getoetst. De assumpties zijn niet gewijzigd ten opzichte van 2015.
Alle renterisicolimieten bleven in de loop van 2016 ruimschoots gerespecteerd.
| Impact van onmiddellijke stijging van de rent ecurve met 100 basispunten (1%) op: |
2016 | 2015 |
|---|---|---|
| (inkomensgevoeligheid) | -964 | 809 |
| (vermogensgevoeligheid) (= BPV) | -19.446 | -27.728 |
de mismatchstructuur van de groep zichtbaar.
| (€ 1.000) | ≤ 1 maand | 1-3 maand | 3-12 maand | 1-5 jaar | 5-10 jaar | > 10 jaar | Onbepaald |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31/12/2016 | |||||||
| Activa | 665.000 | 501.000 | 1.040.000 | 1.945.000 | 561.000 | 227.000 | 42.000 |
| Passiva | -207.000 | -272.000 | -2.847.000 | -1.091.000 | -65.000 | 0 | -40.000 |
| Derivaten | 188.000 | 269.000 | -18.000 | -123.000 | -275.000 | -40.000 | 0 |
| Rentegap | 646.000 | 498.000 | -1.825.000 | 731.000 | 221.000 | 187.000 | 2.000 |
| 31/12/2015 | |||||||
| Activa | 575.000 | 515.000 | 810.000 | 2.052.000 | 453.000 | 240.000 | 77.000 |
| Passiva | -228.000 | -185.000 | -2.608.000 | -1.089.000 | -99.000 | 0 | -30.000 |
| Derivaten | 206.000 | 133.000 | -13.000 | -111.000 | -215.000 | 0 | 0 |
| Rentegap | 553.000 | 463.000 | -1.811.000 | 852.000 | 139.000 | 240.000 | 47.000 |
Het beheer van het renterisico binnen de groep CFE gebeurt in functie van de activiteit. Voor de concessies vindt het beheer van het renterisico plaats volgens twee beleidsvisies: een visie op lange termijn die beoogt om het economisch evenwicht van de concessie te verzekeren en te optimaliseren, en een kortetermijnvisie met als doel de gemiddelde kosten van de schuld te optimaliseren. Om het renterisico in te dekken, worden renteswaps gebruikt. DEME wordt geconfronteerd met belangrijke financieringen in het kader van investeringen in de vloot. Om een optimaal evenwicht te bereiken tussen de financieringskosten en de volatiliteit van de financiële resultaten, maakt DEME gebruik van renteswaps.
De groep Rent-A-Port wordt voornamelijk gefinancierd door eigen middelen en door aandeelhoudersleningen, waardoor het renterisico per definitie geen materïele impact heeft op de geconsolideerde financiële staten van Ackermans & van Haaren. Infra Asia Investment Fund, een 56%-deelneming die via vermogensmutatie wordt verwerkt, heeft in 2016 een (non recourse) obligatie uitgegeven ter waarde van 29,2 miljoen euro + 1,8 miloen USD voor de financiering van de activiteiten in Vietnam. Deze bond is terugbetaalbaar op 7 jaar aan een variabele rentevoet. Ter indekking van zowel de rentestromen als het wisselrisico (USD), werd een cross-currency swap afgesloten die kwalificeert als een kasstroomafdekking instrument.
De financiële schulden van Van Laere zijn ingedekt tegen rentestijgingen via financiële instrumenten (interest rate swap, collar, cap) of er werden leningen afgesloten met vaste rentevoeten.
Het indekkingsbeleid van Leasinvest Real Estate is erop gericht om het renterisico voor ongeveer 75% van de financiële schulden veilig te stellen voor een periode van 4-5 jaar en ongeveer 50% voor de volgende 5 jaar. Gezien de schuldfinanciering van Leasinvest Real Estate eind 2016 nog steeds voornamelijk gebaseerd is op een vlottende rentevoet, bestaat het risico dat bij een stijging van de rentevoeten de financieringskosten oplopen. Dit renterisico wordt ingedekt door financiële instrumenten zoals voornamelijk interest rate swaps. De vervaldata van de rente-indekkingen situeren zich tussen 2017 en 2025. De duration bedraagt 6,30 jaar per einde 2016 (2015: 6,58 jaar).
Wanneer abstractie wordt gemaakt van de financiële schulden die op korte termijn (in de loop van het eerste semester 2017) zullen worden terugbetaald, zijn de lange termijnschulden van Extensa per einde 2016 voor 47% ingedekt. Ook de komende jaren blijft een indekking van ongeveer 50% vooropgesteld.
Anima Care dekt haar renterisico in door voornamelijk leningen met een vaste rentevoet aan te gaan. Per eind 2016 bedraagt het uitstaand saldo aan leningen met een variabele rentevoet 18,6% van de totale financiële schuld. De financiële schulden van Residalya zijn voor 83% aan vaste intrestvoeten of ingedekt. De schulden van Patrimoine et Santé bestaan voor 39% uit schulden aangegaan of ingedekt tegen een vaste interestvoet. De resterende 61% zijn aangegaan tegen rentevoeten die zijn gekoppeld aan deze van het "livret a", die wordt vastgelegd door de Franse overheid en een grote stabiliteit vertoont.
NMP is slechts zeer beperkt onderhevig aan renterisico's aangezien de interestlasten integraal worden doorgerekend aan de gebruikers in het kader van de terbeschikkingstelling van de pijpleidingen.
De financiële schulden van het segment AvH & Growth Capital bestaan uit het door AvH uitgegeven commercial paper (30,4 miljoen euro) en de leasingschuld van Agidens. Per jaareinde 2016 was er geen enkel rente-indekkingsinstrument uitstaand. Het renterisico van Agidens is beperkt tot de 5-jaarlijkse herziening van de leasingschuld met vervaldag 2018.
Indien de Euribor met 50 BP zou stijgen, zou dit een toename van de rentelasten met zich meebrengen van 4,1 miljoen euro (CFE-DEME), 1,3 miljoen euro (Extensa), 0,7 miljoen euro (Leasinvest Real Estate), 0,01 miljoen euro (Anima Care), 0,5 miljoen euro (HPA) en 0,2 miljoen euro (AvH & subholdings). Bij Van Laere is de impact quasi nihil wegens indekking of vaste rentevoeten. Dit houdt evenwel geen rekening met de impacten die we zouden terugvinden op het actief.
| (€ 1.000) | Notioneel bedrag 2016 |
Boekwaarde 2016 |
Notioneel bedrag 2015 |
Boekwaarde 2015 |
|---|---|---|---|---|
| I. Indekking van het renterisico | ||||
| Activa | ||||
| Reële waarde indekking - Bank J.Van Breda & C° | 60.000 | 1.420 | 65.000 | 1.179 |
| Kasstroomindekking | ||||
| Indekkingsinstrumenten die niet voldoen aan de vereisten van kasstroomindekking | 125.000 | 1.656 | 185.750 | 1.783 |
| Te ontvangen interesten | 1 | |||
| Totaal | 3.077 | 2.962 | ||
| Passiva | ||||
| Reële waarde indekking - Bank J.Van Breda & C° | 396.636 | -14.029 | 290.221 | -10.487 |
| Kasstroomindekking | 1.216.489 | -64.668 | 917.733 | -56.794 |
| Indekkingsinstrumenten die niet voldoen aan de vereisten van kasstroomindekking | 41.200 | -694 | 42.150 | -766 |
| Te ontvangen interesten | -459 | -313 | ||
| Totaal | -79.850 | -68.360 | ||
| II. Indekking van het valutarisico | ||||
| Activa | 84.707 | 3.331 | 201.418 | 10.722 |
| Passiva | 335.022 | -12.163 | 816.779 | -5.736 |
| -8.831 | 4.985 | |||
| III. Risico's verbonden aan grondstoffen | ||||
| Activa | 719 | 0 | ||
| Passiva | -17.486 | -47.237 | ||
| -16.768 | -47.237 | |||
| Aansluiting met de geconsolideerde balans | Actiefzijde | Actiefzijde | ||
| Langlopende afdekkingsinstrumenten | 3.576 | 4.228 | ||
| Kortlopende afdekkingsinstrumenten | 3.551 | 9.455 | ||
| 7.127 | 13.683 | |||
| Passiefzijde | Passiefzijde | |||
| Langlopende afdekkingsinstrumenten | -84.352 | -85.145 | ||
| Kortlopende afdekkingsinstrumenten | -25.147 | -36.188 | ||
| -109.499 | -121.333 |
Het renterisico van Bank J.Van Breda & C° en de overige integraal geconsolideerde participaties komt aan bod op pagina 164.
Voor een beschrijving van het valutarisico wordt verwezen naar pagina 153. De financiële instrumenten ter indekking van dit risico zijn voornamelijk voor rekening van de integraal geconsolideerde participaties DEME en Bank J.Van Breda & C°. De muntposities die Bank J.Van Breda & C° inneemt via termijnwisselverrichtingen, vloeien voort uit de activiteiten van haar klanten. De bank dekt openstaande posities interbancair in zodat er geen materieel valutarisico kan ontstaan.
De onderstaande tabel geeft inzage in de financiële instrumenten hieromtrent bij DEME en CFE:
| (€ 1.000) | Notionele bedrag | Reële waarde | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| USD | SGD Singapour Dollar |
GBP Pound |
BRL Brazil- iaanse Reaal |
Andere | Totaal | USD | SGD Singapour Dollar |
GBP Pound |
BRL Brazil- iaanse Reaal |
Andere | Totaal | |
| Termijnaankopen | 41.213 | 9.476 | 6.713 | 0 | 6.175 | 63.577 | 1.111 | 0 | 3 | 0 | 34 | 1.148 |
| Termijnverkopen | 125.394 | 143.404 | 7.188 | 20.544 | 19.511 | 316.041 | -4.619 | -921 | 594 | -4.980 | -152 | -10.078 |
Ook de risico's verbonden aan grondstoffen zijn gelieerd met DEME die zich indekt tegen fluctuaties van de olieprijzen door het aangaan van forwardcontracten.
| (€ 1.000) | Activa 2016 | Verplicht. 2016 | Netto 2016 | Activa 2015 | Verplicht. 2015 | Netto 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Immateriële vaste activa | 0 | 44.499 | -44.499 | 0 | 43.051 | -43.051 |
| Materiële vaste activa | 12.254 | 136.936 | -124.682 | 11.282 | 105.245 | -93.963 |
| Vastgoedbeleggingen | 0 | 20.363 | -20.363 | 0 | 12.983 | -12.983 |
| Geldbeleggingen | -354 | 1.672 | -2.026 | -475 | 1.464 | -1.939 |
| Personeelsbeloningen | 16.143 | 712 | 15.430 | 11.721 | 867 | 10.854 |
| Voorzieningen | 223 | 37.785 | -37.562 | 692 | 35.479 | -34.787 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 6.227 | -598 | 6.825 | 4.690 | -513 | 5.202 |
| Werkkapitaal-balansrubrieken | 58.467 | 68.528 | -10.061 | 45.962 | 72.403 | -26.441 |
| Fiscale verliezen & tax credits / investeringsaftrek | 93.489 | -1.002 | 94.490 | 91.026 | -1.367 | 92.393 |
| Compensatie | -52.212 | -52.212 | 0 | -51.626 | -51.626 | 0 |
| Totaal | 134.236 | 256.685 | -122.448 | 113.272 | 217.986 | -104.714 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Niet-geboekte vorderingen wegens fiscale verliezen | 108.899 | 99.091 |
| Andere niet-geboekte uitgestelde belastingvorderingen (1) | 25.006 | 20.162 |
| Totaal | 133.905 | 119.253 |
(1) De andere niet-geboekte uitgestelde belastingvorderingen betreffen voornamelijk bedragen waarvan de recuperatie in de tijd begrensd is en afhankelijk is van de mate waarin tijdens die periode belastbaar resultaat wordt geboekt. Vorderingen die voortkomen uit terugvordering van niet aangewende DBI-overschotten zijn niet in dit overzicht opgenomen.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Actuele belastingen, netto | ||
| Belastingen op het resultaat van het boekjaar | -70.158 | -61.718 |
| Aanpassingen aan belastingen van voorgaande perioden | 2.218 | 4.119 |
| Totaal | -67.940 | -57.599 |
| Uitgestelde belastingen, netto | ||
| Herkomst en terugboeking van tijdelijke verschillen | 12.779 | -49.911 |
| Wijzigingen in belastingtarieven of nieuwe belastingen | 293 | 0 |
| Toevoeging (gebruik) van fiscaal overdraagbare verliezen | -91 | -453 |
| Overige uitgestelde belastingen | 164 | -83 |
| Totaal | 13.146 | -50.447 |
| Totaal actuele en uitgestelde belastingslasten (-baten) | -54.794 | -108.046 |
| Winst (verlies) vóór belasting | 420.847 | 546.442 |
|---|---|---|
| Winst (verlies) van ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast (-) | -108.660 | -110.549 |
| Winst (verlies) vóór belasting, exclusief resultaat uit vermogensmutatie-participaties | 312.186 | 435.892 |
| Toepasselijk belastingtarief (%) | 33,99% | 33,99% |
| Belastingen op basis van het toepasselijk belastingtarief | -106.112 | -148.160 |
| Impact van tarieven in andere rechtsgebieden | 28.573 | 8.853 |
| Impact van niet-belastbare inkomsten | 24.260 | 47.916 |
| Impact van niet-aftrekbare kosten | -19.509 | -19.872 |
| Impact van fiscale verliezen | -6.577 | -11.076 |
| Impact van wijzigingen in de belastingtarieven | 7.231 | 98 |
| Impact van over(onder)schattingen voorgaande perioden | 4.883 | 2.093 |
| Overige toename (afname) | 12.457 | 12.100 |
| Belasting op basis van het effectief belastingtarief | -54.794 | -108.046 |
| Winst (verlies) vóór belasting | 420.847 | 546.442 |
| Winst (verlies) van ondernemingen waarop vermogensmutatie is toegepast (-) | -108.660 | -110.549 |
| Winst (verlies) vóór belasting, exclusief resultaat uit vermogensmutatie-participaties | 312.186 | 435.892 |
| Effectief belastingtarief (%) | 17,55% | 24,79% |
De winstbelastingen dalen omwille van een lager resultaat voor belastingen, omwille van een lagere belastingsvoet bij DEME die het gevolg is van een andere geografische realisatie van de omzet en van de gedane investeringen en een daling in het vastgoedsegment (in 2015 was er een belangrijke latente belasting op de herwaarderingsmeerwaarde T&T). Daarbij dient opgemerkt dat de bijdrage van de ondernemingen waarop vermogensmutatie wordt toegepast slechts het aandeel van de groep in het netto-resultaat van die ondernemingen weergeeft en de op deze resultaten toegepaste belastingen niet in de geconsolideerde rekeningen van AvH zichtbaar zijn. De niet-belastbare inkomsten hebben voornamelijk betrekking op (vrijgestelde) meerwaarden en dividenden.
| Jaar van aanbod | Aantal toegekende opties |
Aantal uit geoefende opties |
Aantal vervallen opties |
Saldo | Uitoefenprijs (euro) |
Uitoefentermijn |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2007 | 45.000 | -26.000 | 19.000 | 62,12 | 01/01/2011 - 08/01/2015 + 5j | |
| 2008 | 46.500 | -10.000 | -2.000 | 34.500 | 66,05 | 01/01/2012 - 02/01/2016 + 5j |
| 2009 | 49.500 | -47.500 | -2.000 | 0 | 37,02 | 01/01/2013 - 05/01/2017 |
| 2010 | 49.000 | -30.000 | -2.000 | 17.000 | 52,05 | 01/01/2014 - 04/01/2018 |
| 2011 | 49.000 | -17.000 | -2.500 | 29.500 | 60,81 | 01/01/2015 - 04/01/2019 |
| 2012 | 47.000 | -6.000 | 41.000 | 56,11 | 01/01/2016 - 03/01/2020 | |
| 2013 | 49.500 | 49.500 | 61,71 | 01/01/2017 - 03/01/2021 | ||
| 2014 | 49.500 | 49.500 | 82,32 | 01/01/2018 - 02/01/2022 | ||
| 2015 | 50.500 | 50.500 | 100,23 | 01/01/2019 - 05/01/2023 | ||
| 2016 | 40.500 | 40.500 | 130,95 | 01/01/2020 - 03/01/2024 | ||
| 476.000 | -136.500 | -8.500 | 331.000 |
Het aandelenoptieplan van AvH, dat in maart 1999 werd goedgekeurd, beoogt de motivatie op lange termijn van uitvoerende bestuurders, leden van het executief comité en kaderleden wiens activiteit essentieel is voor het succes van de groep. De opties geven recht op de verwerving van evenveel aandelen Ackermans & van Haaren.
Het remuneratiecomité is belast met de opvolging van dit plan en met de selectie van de begunstigden. De opties worden gratis aangeboden en hebben een looptijd van 8 jaar. De vennootschap heeft van de mogelijkheid gebruik gemaakt om, binnen de grenzen bepaald door de Economische Herstelwet van 27 maart 2009, de uitoefentermijn van de opties die de vennootschap tussen 2 november 2002 en 31 augustus 2008 heeft aangeboden, zonder bijkomende last, met maximum 5 jaar te verlengen.
De totale waarde van de uitstaande opties 2007 tot en met 2016 (gewaardeerd aan de reële waarde op moment van toekenning), bedraagt 5,4 miljoen euro en is berekend door een externe partij aan de hand van een aangepast Black & Scholes model, waarvan de voornaamste kenmerken:
| Jaar toekenning |
Beurskoers (€) |
Dividend rendement |
Volatiliteit | Interestvoet | Verwachte levensduur |
Black & Scholes Value (€) |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2007 | 66,90 | 1,35% | 22,05% | 4,04% | 5,75 | 21,74 |
| 2008 | 65,85 | 1,75% | 20,24% | 4,34% | 5,90 | 17,78 |
| 2009 | 37,02 | 2,66% | 42,84% | 3,39% | 6,50 | 15,47 |
| 2010 | 52,23 | 2,66% | 34,34% | 3,28% | 7,29 | 16,53 |
| 2011 | 63,80 | 2,26% | 23,42% | 2,82% | 7,22 | 15,77 |
| 2012 | 58,99 | 3,26% | 31,65% | 2,14% | 7,40 | 15,13 |
| 2013 | 63,62 | 3,26% | 25,00% | 1,27% | 7,84 | 11,26 |
| 2014 | 83,69 | 2,27% | 21,00% | 1,78% | 7,79 | 15,35 |
| 2015 | 101,35 | 2,19% | 19,00% | 0,47% | 7,79 | 13,76 |
| 2016 | 131,95 | 1,28% | 23,00% | 0,59% | 7,79 | 27,72 |
In 2016 werden 40.500 nieuwe aandelenopties toegekend met een uitoefenprijs van 130,95 euro per aandeel. De reële waarde bij toekenning werd vastgelegd op 1,1 miljoen euro en wordt over de "vesting"-periode van 4 jaar in resultaat genomen. Voor de indekking van die verplichting en voor opties die begin 2017 werden aangeboden, had AvH (samen met dochteronderneming Brinvest) eind 2015 in totaal 352.000 aandelen in portefeuille.
De begunstigden van de optieplannen van Van Laere, Delen Private Bank, Bank J.Van Breda & C°, BDM-ASCO, Anima Care, Agidens en Distriplus beschikken over een verkoopoptie lastens de respectievelijke moedervennootschappen Anfima, Delen Investments, Finaxis, AvH en Sofinim (die zelf over een koopoptie en een voorkooprecht beschikken om te verhinderen dat de aandelen zouden worden overgedragen aan derden).
Deze optieplannen betreffen dus niet-beursgenoteerde aandelen, waarvan de waardebepaling in het optieplan is vastgelegd. De bepaling van de uitoefenprijs van de verkoopoptie is (afhankelijk van het optieplan) gebaseerd op de aangroei van het eigen vermogen, een multiple op de aangroei van de geconsolideerde winst of een marktwaardebepaling van de vennootschap.
Conform IFRS 2 zit de impact van deze optieplannen op basis van de best mogelijke inschattingen in de schulden vervat. Deze schulden worden aangepast na uitoefening, nieuwe toekenning of aanpassing van de parameters. Deze toe- of afnames van de schulden betekenen een kost, respectievelijk opbrengst in de resultatenrekening.
De totale schuld van de optieplannen in hoofde van de integraal geconsolideerde ondernemingen per 31 december 2016 bedraagt 8,9 miljoen euro, vervat in de overige lange termijnschulden.
In 2016 heeft AvH in het kader van het aandelenoptieplan ten gunste van het personeel 20.000 eigen aandelen verkocht en 15.000 aandelen gekocht. Op 31 december 2016 stonden in totaal 331.000 aandelenopties uit. Voor de indekking van die verplichting en voor opties die begin 2017 werden aangeboden, had AvH (samen met dochteronderneming Brinvest) in totaal 352.000 aandelen in portefeuille.
Daarnaast werden in het kader van het contract dat AvH met Kepler Cheuvreux afsloot ter ondersteuning van de liquiditeit van het aandeel AvH in 2016 ook 341.058 aandelen AvH gekocht en 340.912 verkocht. Deze transacties worden volledig autonoom door Kepler Cheuvreux aangestuurd, maar worden uitgevoerd voor rekening van AvH. De netto-aankoop van 146 aandelen AvH heeft bijgevolg een (beperkte) impact op het eigen vermogen van AvH.
| Eigen aandelen in het kader van het aandelenoptieplan |
2016 | 2015 | Eigen aandelen in het kader van de liquiditeitsovereenkomst |
2016 | 2015 |
|---|---|---|---|---|---|
| Beginsaldo | 357.000 | 380.000 | Beginsaldo | 2.132 | 2.544 |
| Inkoop eigen aandelen | 15.000 | 62.500 | Inkoop eigen aandelen | 341.058 | 557.080 |
| Verkoop eigen aandelen | -20.000 | -85.500 | Verkoop eigen aandelen | -340.912 | -557.492 |
| Eindsaldo | 352.000 | 357.000 | Eindsaldo | 2.278 | 2.132 |
| (€ 1.000) 2016 |
2015 |
|---|---|
| Persoonlijke zekerheden die door de in de consolidatie opgenomen ondernemingen werden gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor 275.210 schulden of verplichtingen |
299.268 |
| Zakelijke zekerheden die door de in de consolidatie opgenomen ondernemingen werden gesteld of onherroepelijk beloofd op eigen activa, 563.506 als waarborg voor schulden en verplichtingen van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen |
498.762 |
| Goederen en waarden gehouden door derden in hun naam maar ten bate en op risico van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen voor zover deze goederen en waarden niet in de balans zijnopgenomen 18.615 |
16.301 |
| Verplichtingen tot aankoop van vaste activa 121.857 |
91.466 |
| Verplichtingen tot verkoop van vaste activa 204.015 |
247.965 |
| Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen van banken (Bank J.Van Breda & C°) | |
| - Kredietengagementen 337.934 |
323.399 |
| - Financiële garanties 91.900 |
73.819 |
| - Repo transacties + zakelijke zekerheden 58.657 |
89.680 |
De persoonlijke zekerheden zijn in 2016 samengesteld uit 24,8 miljoen euro garanties m.b.t. de vastgoedprojecten van Extensa, 71,9 miljoen euro garanties m.b.t. de bouw- en parkingactiviteit van Algemene Aannemingen Van Laere, voor 7,8 miljoen euro aan garanties voor projecten bij Agidens en 8,8 miljoen euro in het kader van de ontwikkelingensprojecten van Rent-A-Port. Het saldo van 161,9 miljoen euro betreft hoofdzakelijk waarborgen gesteld door AvH & subholdings in het kader van de verkoop van participaties.
De zakelijke zekerheden bestaan voor 243,9 miljoen euro uit zekerheden gesteld door Extensa in het kader van de financiering van haar activiteiten in de grond- en projectontwikkeling. Daarnaast werden voor 198,7 miljoen euro zekerheden gesteld door Anima Care en 106,1 miljoen euro door HPA (Patrimoine & Santé) in het kader van de financiering van het vastgoed en 6,4 miljoen euro bij NMP onder de vorm van in pand gegeven transportovereenkomsten. Het saldo komt toe aan zekerheden gesteld door Algemene Aannemingen Van Laere (8,3 miljoen euro).
De onderaannemers van Algemene Aannemingen Van Laere hebben voor 18,6 miljoen euro aan waarborgen gesteld.
De verplichtingen tot aankoop van vaste activa omvatten opties in het kader van aandelenoptieplannen of opties in het kader van aandeelhoudersovereenkomsten voor een totaal van 88,1 miljoen euro, het saldo is voor rekening van Rent-A-Port (0,7 miljoen euro), HPA (20,3 miljoen euro) en de aankoopverplichting van AvH mbt aandelen Patrimoine & Santé (12,8 miljoen euro) die eind januari 2017 is vervallen n.a.v. de gerealiseerde ruil.
De verplichtingen tot verkoop van vaste activa vertegenwoordigen call-opties (inclusief voorwaardelijke opties) op de activa van AvH & subholdings ten belope van 168,3 miljoen euro. De toegekende aankoopopties op vastgoedbeleggingen bij Leasinvest Real Estate verklaren de resterende 35,7 miljoen euro.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Verplichtingen | ||
| Goede uitvoering en performance bonds (1) | 856.445 | 905.798 |
| Biedingen (2) | 36.175 | 11.292 |
| Teruggaven voorschotten (3) | 16.812 | 21.241 |
| Garantie-inhouding (4) | 16.782 | 41.985 |
| Betaling op termijn van de onderaannemers en leveranciers (5) | 82.451 | 77.405 |
| Andere gegeven verplichtingen - waarvan 61.823 corporate garanties bij DEME | 110.869 | 210.666 |
| Zakelijke zekerheden die door de in de consolidatie opgenomen ondernemingen werden gesteld of onherroepelijk beloofd op eigen activa, als waarborg voor schulden en verplichtingen van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen (6) |
152.112 | 313.247 |
| Totaal | 1.271.646 | 1.581.634 |
| Rechten | ||
| Goede uitvoering en perfomance bonds | 145.112 | 102.720 |
| Andere ontvangen engagementen | 2.825 | 2.110 |
| Totaal | 147.937 | 104.830 |
(1) Garanties gegeven in het kader van de uitvoering van de overeenkomsten inzake werken. In geval van wanprestatie van de bouwonderneming, verbindt de bank (of de verzeker ingsmaatschappij) zich ertoe de klant tot aan het bedrag van de garantie te vergoeden.
(2) Garanties gegeven in het kader van aanbestedingen.
(3) Garanties gegeven door de bank aan een klant waarin de teruggave van de voorschotten op contracten (voornamelijk bij DEME) wordt gegarandeerd.
(4) Garanties gegeven door de bank aan een klant ter vervanging van het ingehouden garantiebedrag.
(5) Garantie van de betaling van de schuld jegens een leverancier of een onderaannemer.
(6) Zakelijke zekerheden van DEME voor 152 miljoen euro in het kader van de financiering van de vloot.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| Bedienden | 6.970 | 6.626 |
| Arbeiders | 4.535 | 4.745 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Bezoldigingen en sociale lasten | -708.009 | -707.752 |
| Pensioenkosten (vaste bijdragen en te bereiken doel) | -8.501 | -13.711 |
| Aandelenoptieplannen | -1.060 | -4.077 |
| Totaal | -717.569 | -725.540 |
De evolutie van het personeelsbestand is vooral toe te wijzen aan CFE (daling) en Anima Care (toename). Op de hoofdzetel van Ackermans & van Haaren zijn 30 mensen tewerkgesteld. In de afzonderlijke bijlage "Kerncijfers 2016" wordt een proforma personeelsbestand van 21.165 vermeld. Deze proforma berekening bevat het personeel van alle participaties aangehouden door de AvH-groep en wijkt dus af van het hierboven gemiddelde personeelsbestand dat is opgemaakt op basis van de IFRS consolidatie, die is opgemaakt op basis van de op pag. 123 t.e.m. 131 gerapporteerde consolidatiekring. In de proforma voorstelling worden alle (exclusieve) controle-belangen integraal verwerkt en de overige belangen proportioneel.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Te bereiken doel plannen | -51.075 | -41.361 |
| Andere pensioenverplichtingen (brugpensioen) | -5.159 | -4.485 |
| Totaal pensioenverplichtingen | -56.234 | -45.846 |
| Totaal pensioenactiva | 2.651 | 2.904 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| 1. Bedragen opgenomen in balans | ||
| Nettovorderingen (-verplichtingen) uit hoofde van gefinancierde te bereiken doel plannen | -48.424 | -38.458 |
| Contante waarde van volledig of gedeeltelijk gefinancierde verplichtingen (-) | -262.347 | -171.368 |
| Reële waarde van fondsbeleggingen | 213.924 | 132.909 |
| Vorderingen (-verplichtingen) uit hoofde van te bereiken doel plannen, totaal | -48.424 | -38.458 |
| Verplichtingen (-) | -51.075 | -41.361 |
| Activa | 2.651 | 2.904 |
| Bewegingen in de nettovordering (-verplichting) opgenomen in de balans | ||
| Nettovordering (-verplichting) opgenomen in de balans, beginsaldo | -38.458 | -39.030 |
| Toename door middel van bedrijfscombinaties | 0 | 0 |
| Nettolasten opgenomen in de resultatenrekening | -5.156 | -7.058 |
| Nettolasten opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten | -18.778 | -395 |
| Bijdragen van werkgever / werknemer | 13.678 | 7.212 |
| Overige toename (afname) | 290 | 812 |
| Nettovordering (-verplichting) opgenomen in de balans, eindsaldo | -48.424 | -38.458 |
| 2a. Nettolasten opgenomen in de resultatenrekening | -5.156 | -7.058 |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | -13.244 | -6.411 |
| Rentekosten | -4.241 | -3.691 |
| Renteopbrengsten fondsbeleggingen (-) | 3.551 | 2.933 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | 8.779 | 112 |
| 2b. Nettolasten opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten | -18.778 | -395 |
| Actuariële winsten (verliezen) opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten | -43.813 | -4.019 |
| Rendement op fondsbeleggingen, uitgezonderd renteopbrengsten (-) | 24.965 | 4.236 |
| Wisselkoersverschillen | 0 | 0 |
| Andere | 69 | -612 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| 3a. Bewegingen in de verplichtingen uit hoofde van te bereiken doel plannen | ||
| Verplichtingen uit hoofde van te bereiken doel plannen, beginsaldo | -171.368 | -167.125 |
| Afname door middel van bedrijfsafsplitsing | 0 | 1.805 |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | -13.244 | -6.411 |
| Rentekosten | -4.241 | -3.691 |
| Bijdragen van de werknemer | -1.281 | -1.055 |
| Betalingen aan begunstigden (-) | 13.495 | 7.943 |
| Opgenomen actuariële (winsten) verliezen, netto | -43.813 | -4.019 |
| waarvan: actuariële (winsten) verliezen die ontstaan uit demografische veronderstellingen | -14.161 | 0 |
| waarvan: actuariële (winsten) verliezen die ontstaan uit financiële veronderstellingen | -28.194 | -4.410 |
| waarvan: ervarings(winsten) verliezen | -1.458 | 391 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | 11.156 | -24 |
| Overige toename (afname) | -53.051 | 1.210 |
| Verplichtingen uit hoofde van te bereiken doel plannen, eindsaldo | -262.347 | -171.368 |
| 3b. Bewegingen in de fondsbeleggingen | ||
| Reële waarde van fondsbeleggingen, beginsaldo | 132.909 | 128.095 |
| Afname door middel van bedrijfsafsplitsing | 0 | -1.220 |
| Rendement op fondsbeleggingen, uitgezonderd bedragen in renteopbrengsten | 24.965 | 4.236 |
| Renteopbrengsten | 3.551 | 2.933 |
| Bijdragen van werkgever / werknemer | 14.806 | 7.500 |
| Betalingen aan begunstigden (-) | -13.343 | -7.617 |
| Overige toename (afname) | 51.036 | -1.018 |
| Reële waarde van fondsbeleggingen, eindsaldo | 213.924 | 132.909 |
| 4. Voornaamste actuariële veronderstellingen | ||
| Disconteringsvoet | 1,3% | 2,1% |
| Verwacht percentage van loonsverhogingen | 3,0% | 2,8%<60j - 1,8% > 60j |
| Inflatie | 1,8% | 1,8% |
| Toegepaste sterftetabellen | MR/FR | MR/FR |
| 5. Overige informatie | ||
| Looptijd (in jaren) | 15,24 | 13,54 |
| Gemiddeld reëel rendement van de pensioenactiva | 14,85% | 5,8% |
| Voorziene bijdragen te storten in de loop van het volgende boekjaar | 12.958 | 7.458 |
| 6. Gevoeligheidsanalyses | ||
| Verdisconteringsvoet | ||
| Toename met 25 basispunten | -3,7% | -3,7% |
| Afname met 25 basispunten | +3,9% | +3,4% |
| Verwacht percentage van loonsverhogingen | ||
| Toename met 25 basispunten | +2,2% | +2,0% |
| Afname met 25 basispunten | -1,9% | -2,2% |
Zowel pensioenplannen van het type te bereiken doel als van het type vaste bijdragen zijn afgesloten binnen AvH. De plannen zijn onderschreven bij verzekeraars in het kader van tak 21 (levensverzekeringen met tariefgarantie).
De Belgische wetgeving vereist dat een werkgever op de vaste bijdrageplannen een minimumrendement van 3,25% garandeert op zijn eigen bijdragen aan de plannen en dit voor alle stortingen tot en met 31/12/2015 en tot aan de pensioenleeftijd. Vanaf 1 januari 2016 is de wet van 18 december 2015 in voege getreden die stelt dat de WAP (wet aanvullend pensioen)-rendementsgarantie in hoofde van de werkgever een "variabele" rentevoet zal zijn, gekoppeld aan het rendement op de obligatiemarkt die jaarlijks per 1 januari zal worden vastgesteld op basis van een formule vastgesteld in de WAP. Voor 2016 en 2017 bedraagt deze rendementsgarantie 1,75%.
De garantie die de werkgever in het kader van de WAP verstrekt is een secundaire garantie. Enkel in het geval dat het door de verzekeraar gegarandeerde rendement op fondsbeleggingen lager is dan het wettelijk gegarandeerde rendement moet de werkgever het tekort bijpassen.
AvH heeft daarom een actuariële berekening conform IAS 19R voor de materiële vaste bijdrageplannen laten uitvoeren. De eerste opname van deze plannen (1/1/2016) leidt in bovenstaande tabel tot een toename van zowel de brutopensioenverplichting als van de fondsbeleggingen, en wordt voorgesteld op de lijn Andere toename (+) / afname (-). De eerste opname van de (netto) verplichting werd opgenomen in de staat van de niet-gerealiseerde resultaten.
Voor de te bereiken doel pensioenplannen wordt overeenkomstig IAS 19R een actuariële berekening uitgevoerd volgens de Projected Unit Credit methode. Vanaf 2016 worden de fondsbeleggingen gewaardeerd als de verdisconteerde waarde van de reserves, rekening houdend met de tariefgaranties van de verzekeraars. Actuariële winsten en verliezen worden verwerkt als niet-gerealiseerde resultaten in het eigen vermogen (zie de rubriek actuariële winsten en verliezen op de te bereiken doel plannen in het mutatieoverzicht van het eigen vermogen).
Verschillende pensioenregelingen (te bereiken doel plannen) bij CFE/DEME, Belgische en voornamelijk Nederlandse plannen, werden tijdens 2016 beëindigd hetgeen de beweging verklaart in de post pensioenkosten van verstreken diensttijd.
Het gemiddeld rendement van de pensioenactiva stijgt in 2016 vnl als gevolg van de invloed van de lagere disconteringsvoet.
De beweging van de nettolasten opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten wordt naast de wijziging in financiële assumpties (discontovoet, salarisstijging), tevens beïnvloed door de aanpassing van de plannen voor demografische factoren (gestegen levensverwachting, stijging pensioenleeftijd en minder verloop).
| (€ 1.000) | Boekjaar 2016 | Boekjaar 2015 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ondernemingen Dochter- |
Geassocieerde deelnemingen |
Andere verbonden partijen |
TOTAAL 2016 | ondernemingen Dochter- |
Geassocieerde deelnemingen |
Andere verbonden partijen |
TOTAAL 2015 | |
| I. Activa jegens verbonden partijen - balans | ||||||||
| Financiële vaste activa | 21.650 | 17.095 | 0 | 38.745 | 27.554 | 0 | 0 | 27.554 |
| Vorderingen en borgtochten: bruto | 21.650 | 17.095 | 38.745 | 27.554 | 27.554 | |||
| Vorderingen : WV | 0 | 0 | ||||||
| Vorderingen | 80.472 | 15.675 | 700 | 96.847 | 66.609 | 9.453 | 873 | 76.935 |
| Handelsvorderingen | 2.398 | 228 | 2.626 | 5.404 | 264 | 5.668 | ||
| Overige vorderingen: bruto | 83.075 | 15.447 | 700 | 99.221 | 66.205 | 9.189 | 873 | 76.267 |
| Overige vorderingen: WV | -5.000 | -5.000 | -5.000 | -5.000 | ||||
| Banken - vorderingen kredietinst. & cliënten | 373 | 2.026 | 0 | 2.399 | 342 | 2.404 | 0 | 2.746 |
| Overlopende rekeningen - activa | 3.109 | 73 | 0 | 3.182 | 2.648 | 216 | 0 | 2.864 |
| Totaal | 105.605 | 34.869 | 0 | 141.174 | 97.153 | 12.073 | 0 | 110.099 |
| II. Verplichtingen jegens verbonden partijen - balans | ||||||||
| Financiële schulden | 235 | 0 | 0 | 235 | 235 | 0 | 0 | 235 |
| Achtergestelde leningen | 0 | 0 | ||||||
| Overige financiële schulden | 235 | 235 | 235 | 235 | ||||
| Overige schulden | 0 | 567 | 0 | 567 | 391 | 946 | 0 | 1.337 |
| Handelsschulden | 0 | 9 | 9 | |||||
| Overige schulden | 567 | 567 | 391 | 937 | 1.328 | |||
| Banken - schulden aan kredietinstellingen, cliënten en obligaties | 36.123 | 1.823 | 0 | 37.946 | 48.461 | 2.046 | 0 | 50.507 |
| Overlopende rekeningen - passiva | 0 | 6 | 0 | 6 | 3 | 71 | 0 | 74 |
| Totaal | 36.358 | 2.396 | 0 | 38.754 | 49.090 | 3.063 | 0 | 52.153 |
| III. Transacties tussen verbonden partijen - resultatenrekening | ||||||||
| Bedrijfsopbrengsten | 68.361 | 774 | 3 | 69.139 | 41.809 | 693 | 3 | 42.505 |
| Verrichting van diensten | 1.260 | 598 | 3 | 1.862 | 1.432 | 685 | 3 | 2.120 |
| Vastgoedopbrengsten | 199 | 199 | 271 | 271 | ||||
| Renteopbrengsten bancaire activiteiten | 39 | 39 | 8 | 46 | 54 | |||
| Vergoedingen en commissies bancaire activiteiten | 24.600 | -43 | 24.557 | 23.555 | -38 | 23.517 | ||
| Opbrengsten uit onderhanden projecten in opdracht van derden | 42.302 | 180 | 42.482 | 16.543 | 16.543 | |||
| Overige bedrijfsopbrengsten | 0 | 0 | ||||||
| Overige exploitatiebaten | 144 | 223 | 0 | 367 | 1.425 | 69 | 0 | 1.494 |
| Rente op vorderingen financiële vaste activa | 123 | 192 | 315 | 1.356 | 1.356 | |||
| Dividenden | 0 | 0 | ||||||
| Overige exploitatiebaten | 21 | 31 | 52 | 69 | 69 | 138 | ||
| Exploitatielasten (-) | -250 | -3.704 | 0 | -3.954 | 4.674 | -3.510 | 0 | 1.164 |
| Rentelasten Bank J.Van Breda & C° (-) | -34 | -185 | -219 | -94 | -21 | -115 | ||
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen (-) | 0 | 5.000 | 5.000 | |||||
| Overige exploitatielasten (-) | -216 | -3.519 | -3.735 | -232 | -3.489 | -3.721 | ||
| Financieringsopbrengsten | 1.894 | 84 | 0 | 1.978 | 455 | 109 | 0 | 563 |
| Renteopbrengsten | 1.894 | 84 | 1.978 | 455 | 109 | 563 | ||
| Diverse financiële opbrengsten | 0 | 0 | ||||||
| Financieringslasten (-) | 0 | -13 | 0 | -13 | 0 | -18 | -6 | -24 |
| Rentelasten | 0 | -13 | -13 | -18 | -6 | -24 | ||
In bovenstaande tabel worden de leningen vermeld die AvH (en subholdings) en Sofinim toekennen aan participaties die niet integraal geconsolideerd worden. Op deze intragroepsleningen worden marktconforme intresten aangerekend. Ditzelfde geldt voor financieringen die Extensa, (en in mindere mate) Van Laere, Rent-A-Port en Green Offshore aan hun vermogensmutatiedochters verlenen.
vestments via de vermogensmutatiemethode wordt het commercial paper van Bank J.Van Breda & C° dat aangehouden wordt door Delen Private Bank (32,2 miljoen euro) en de termijndeposito (3,1 miljoen euro) als een schuld van Bank J.Van Breda & C° aan een verbonden partij gerapporteerd.
Via de integrale consolidatie van Bank J.Van Breda & C° en de opname van Delen In-
De bouwactiviteit die Van Laere uitvoert in opdracht van Tour&Taxis zit vervat onder de rubriek "Opbrengsten uit onderhanden projecten in opdracht van derden".
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Activa jegens verbonden partijen CFE-DEME | 429.373 | 333.963 |
| Financiële vaste activa | 152.629 | 129.966 |
| Handelsvorderingen en andere vorderingen | 249.703 | 195.383 |
| Andere vlottende activa | 27.041 | 8.614 |
| Passiva jegens verbonden partijen CFE-DEME | 83.187 | 121.433 |
| Andere kortlopende verplichtingen | 4.905 | 11.461 |
| Handelsschulden en andere schulden | 78.282 | 109.972 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Opbrengsten en lasten jegens verbonden partijen CFE-DEME | 219.391 | 96.383 |
| Omzet en opbrengsten uit aanverwante activiteiten | 229.925 | 129.240 |
| Aankopen en andere operationele lasten | -15.569 | -35.672 |
| Financieringsopbrengsten(lasten) | 5.035 | 2.815 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Vergoeding van de bestuurders | ||
| Tantièmes ten laste van AvH | 540 | 494 |
| Vergoeding van de leden van het executief comité | ||
| Vaste vergoeding | 2.702 | 2.759 |
| Variabele vergoeding | 2.427 | 2.561 |
| Aandelenopties | 440 | 458 |
| Groeps- en hospitalisatieverzekering | 538 | 900 |
| Voordeel in natura (bedrijfswagen) | 43 | 46 |
| (€ 1.000) | AvH | Dochter ondernemingen(1) |
Totaal 2016 | AvH | Dochter ondernemingen(1) |
Totaal 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| De uitoefening van een mandaat | 55 | 1.120 | 1.175 | 48 | 879 | 928 |
| Bijzondere opdrachten | ||||||
| - Andere controle-opdrachten | 96 | 96 | 74 | 74 | ||
| - Belastingadviesopdrachten | 6 | 156 | 162 | 3 | 114 | 117 |
| - Andere opdrachten buiten de revisorale opdrachten |
1 | 206 | 207 | 107 | 103 | 210 |
| Totaal | 62 | 1.577 | 1.640 | 159 | 1.171 | 1.330 |
(1) Inclusief gemeenschappelijke dochterondernemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode.
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Netto geconsolideerd resultaat, aandeel van de groep (€ 1.000) | 224.237 | 284.079 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen (1) | 33.140.199 | 33.126.066 |
| Winst per aandeel (€) | 6,77 | 8,58 |
| Netto geconsolideerd resultaat, aandeel van de groep (€ 1.000) | 224.237 | 284.079 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen (1) | 33.140.199 | 33.126.066 |
| Impact aandelenopties | 110.619 | 135.411 |
| Aangepast gewogen gemiddeld aantal aandelen | 33.250.818 | 33.261.477 |
| Verwaterde winst per aandeel (€) | 6,74 | 8,54 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Netto geconsolideerd resultaat van voortgezette activiteiten, aandeel van de groep (€ 1.000) | 224.237 | 284.683 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen (1) | 33.140.199 | 33.126.066 |
| Winst per aandeel (€) | 6,77 | 8,59 |
| Netto geconsolideerd resultaat van voortgezette activiteiten, aandeel van de groep (€ 1.000) | 224.237 | 284.683 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen (1) | 33.140.199 | 33.126.066 |
| Impact aandelenopties | 110.619 | 135.411 |
| Aangepast gewogen gemiddeld aantal aandelen | 33.250.818 | 33.261.477 |
| Verwaterde winst per aandeel (€) | 6,74 | 8,56 |
(1) Op basis van uitgegeven aandelen, gecorrigeerd voor eigen aandelen in portefeuille
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Dividend op gewone aandelen: | ||
| - Slotdividend 2015: 1,96 euro per aandeel (2014: 1,82 euro per aandeel) (1) | -64.980 | -60.363 |
| (€ 1.000) | |
|---|---|
| Dividend op gewone aandelen: | |
| - Slotdividend 2016: 2,04 euro per aandeel (1) | -67.611 |
| (€ 1.000) | 2016 | 2015 |
|---|---|---|
| Bruto | 2,0400 | 1,9600 |
| Netto (roerende voorheffing : 27% vanaf 2016, 30% vanaf 2017) | 1,4280 | 1,4308 |
(1) Exclusief uitkering van dividend aan eigen aandelen gehouden door AvH & subholdings.
Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering der aandeelhouders van Ackermans & van Haaren NV over de geconsolideerde jaarrekening over het boekjaar afgesloten op 31 december 2016.
Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons oordeel over het geconsolideerd overzicht van de financiële positie op 31 december 2016, het geconsolideerd overzicht van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2016 en over de toelichting (alle stukken gezamenlijk de "Geconsolideerde Jaarrekening"), en omvat tevens ons verslag betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde eisen.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de Geconsolideerde Jaarrekening van Ackermans & van Haaren NV (de "Vennootschap") en haar dochterondernemingen (samen "de Groep") over het boekjaar afgesloten op 31 december 2016, opgesteld op grond van de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie, met een geconsolideerd balanstotaal van 12.875.059.(000) euro en waarvan de geconsolideerde resultatenrekening afsluit met een winst van het boekjaar (toe te rekenen aan de eigenaars van de Vennootschap) van 224.237.(000) euro.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de Geconsolideerde Jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards, zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Deze verantwoordelijkheid omvat: het opzetten, implementeren en in stand houden van een interne controle met betrekking tot het opstellen en de getrouwe weergave van de Geconsolideerde Jaarrekening die geen afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of het maken van fouten bevat; het kiezen en toepassen van geschikte waarderingsregels; en het maken van boekhoudkundige schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn.
Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze Geconsolideerde Jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals deze in België werden aangenomen uitgevoerd. Die standaarden vereisen dat wij aan de deontologische vereisten voldoen alsook de controle plannen en uitvoeren teneinde een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de Geconsolideerde Jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat.
Een controle omvat werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de Geconsolideerde Jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de beoordeling door de commissaris, met inbegrip van diens inschatting van de risico's van een afwijking van materieel belang in de Geconsolideerde Jaarrekening als gevolg van fraude of van fouten. Bij het maken van die risico-inschatting neemt de commissaris de bestaande interne controle van de Groep in aanmerking die relevant is voor het opstellen van de Geconsolideerde Jaarrekening die een getrouw beeld geeft, teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn, maar die niet gericht zijn op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de bestaande interne controle van de Groep. Een controle omvat tevens een evaluatie van de geschiktheid van de gehanteerde waarderingsregels en van de redelijkheid van de door het bestuursorgaan gemaakte schattingen, alsmede een evaluatie van de presentatie van de Geconsolideerde Jaarrekening als geheel.
Wij hebben van de raad van bestuur en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen en wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om daarop ons oordeel te baseren.
Naar ons oordeel geeft de Geconsolideerde Jaarrekening van de Groep per 31 december 2016 een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van het geconsolideerd geheel alsook van haar geconsolideerde resultaten en van haar geconsolideerde kasstromen voor het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de Geconsolideerde Jaarrekening, in overeenstemming met artikel 119 van het Wetboek van vennootschappen.
In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde ISA's, is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, de naleving van bepaalde wettelijke en reglementaire verplichtingen na te gaan. Op grond hiervan, doen wij de volgende bijkomende verklaring die niet van aard is om de draagwijdte van ons oordeel over de Geconsolideerde Jaarrekening te wijzigen:
• Het jaarverslag over de Geconsolideerde Jaarrekening behandelt, zowel qua vorm als qua inhoud, de door de wet vereiste inlichtingen en stemt overeen met de Geconsolideerde Jaarrekening en bevat geen van materieel belang zijnde inconsistenties ten aanzien van de informatie waarover wij beschikken in het kader van onze opdracht.
Antwerpen, 30 maart 2017
Ernst & Young Bedrijfsrevisoren BCVBA Commissaris, Vertegenwoordigd door Patrick Rottiers - Vennoot * Wim Van Gasse - Vennoot *
* Handelend in naam van een BVBA
Overeenkomstig artikel 105 W. Venn. wordt hierna een verkorte versie weergegeven van de enkelvoudige jaarrekening van Ackermans & van Haaren. De volledige jaarrekening wordt overeenkomstig de artikelen 98 en 100 W. Venn. samen met het jaarverslag van de raad van bestuur en het verslag van de commissaris neergelegd bij de Nationale Bank van België.
De volledige jaarrekening, het jaarverslag van de raad van bestuur en het verslag van de commissaris liggen ter inzage op de zetel van de vennootschap en zijn op eenvoudig verzoek verkrijgbaar. De enkelvoudige jaarrekening is opgesteld conform de Belgische boekhoudwetgeving.
De commissaris heeft met betrekking tot de enkelvoudige jaarrekening een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud gegeven.
Adres: Begijnenvest 113, 2000 Antwerpen Tel. +32 3 231 87 70 - E-mail [email protected]
| (€ 1.000) | Nota's | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|---|
| Activa | ||||
| Vaste activa | 2.467.325 | 2.346.969 | 2.319.157 | |
| I. Oprichtingskosten | ||||
| II. Immateriële vaste activa | 1 | 35 | 74 | |
| III. Materiële vaste activa | (1) | 10.598 | 10.828 | 11.324 |
| A.Terreinen en gebouwen | 7.037 | 7.372 | 7.707 | |
| C. Meubilair en rollend materieel | 1.310 | 1.105 | 1.167 | |
| D. Leasing en soortgelijke rechten | 0 | 0 | 0 | |
| E. Overige materiële vaste activa | 2.252 | 2.351 | 2.450 | |
| F. Activa in aanbouw en vooruitbetalingen | ||||
| IV. Financiële vaste activa | 2.456.726 | 2.336.106 | 2.307.759 | |
| A. Verbonden ondernemingen | (2) | 2.275.420 | 2.152.174 | 2.127.037 |
| 1. Deelnemingen | 2.269.084 | 2.145.391 | 2.123.818 | |
| 2. Vorderingen | 6.336 | 6.783 | 3.219 | |
| B. Ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat | (3) | 174.016 | 176.194 | 172.861 |
| 1. Deelnemingen | 174.016 | 176.194 | 172.861 | |
| 2. Vorderingen | 0 | 0 | 0 | |
| C. Andere financiële vaste activa | 7.289 | 7.738 | 7.861 | |
| 1. Aandelen | 7.282 | 7.731 | 7.854 | |
| 2. Vorderingen en borgtochten in contanten | 8 | 8 | 8 | |
| Vlottende activa | 69.720 | 105.534 | 77.158 | |
| V. Vorderingen op meer dan één jaar | 2.346 | 900 | ||
| A. Handelsvorderingen | ||||
| B. Overige vorderingen | ||||
| 2.346 | 900 | |||
| VI. Voorraden en bestellingen in uitvoering | ||||
| A. Voorraden | ||||
| 1. Grond-en hulpstoffen | ||||
| 2. Goederen in bewerking | ||||
| 3. Gereed product | ||||
| 4. Handelsgoederen | ||||
| 5. Onroerende goederen | ||||
| 6. Vooruitbetalingen | ||||
| B. Bestellingen in uitvoering | ||||
| VII. Vorderingen op ten hoogste één jaar | 10.533 | 28.781 | 27.416 | |
| A. Handelsvorderingen | 1.672 | 3.514 | 3.682 | |
| B. Overige vorderingen | (4) | 8.861 | 25.267 | 23.734 |
| VIII. Geldbeleggingen | (5) | 52.137 | 71.147 | 44.724 |
| A. Eigen aandelen | 24.400 | 23.963 | 21.600 | |
| B. Overige beleggingen | 27.737 | 47.185 | 23.124 | |
| IX. Liquide middelen | 4.206 | 4.131 | 4.670 | |
| X. Overlopende rekeningen Totaal der activa |
498 2.537.045 |
575 2.452.503 |
348 2.396.315 |
| (€ 1.000) | Nota's | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|---|
| Passiva | ||||
| Eigen vermogen | ||||
| I. Kapitaal | (6) | 1.679.714 2.295 |
1.426.185 2.295 |
1.424.610 2.295 |
| A. Geplaatst kapitaal | 2.295 | 2.295 | 2.295 | |
| B. Niet opgevraagd kapitaal (-) | ||||
| II. Uitgiftepremies | 111.612 | 111.612 | 111.612 | |
| III. Herwaarderingsmeerwaarden | ||||
| IV. Reserves | 81.703 | 79.716 | 71.514 | |
| A. Wettelijke reserve | 248 | 248 | 248 | |
| B. Onbeschikbare reserves | 24.435 | 23.997 | 21.634 | |
| 1. Eigen aandelen | 24.400 | 23.963 | 21.600 | |
| 2. Andere | 35 | 35 | 35 | |
| C. Belastingvrije reserves | ||||
| D. Beschikbare reserves | 57.020 | 55.470 | 49.631 | |
| V. Overgedragen winst | 1.484.103 | 1.232.562 | 1.239.188 | |
| Overgedragen verlies (-) | ||||
| VI. Kapitaalsubsidies | ||||
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 0 | 0 | 4 | |
| VII. A. Voorzieningen voor risico's en kosten | 0 | 0 | 4 | |
| 1. Pensioenen en soortgelijke verplichtingen | 0 | 0 | 4 | |
| 2. Belastingen | ||||
| 3. Grote herstellings- en onderhoudswerken | ||||
| 4. Overige risico's en kosten | ||||
| B. Uitgestelde belastingen | ||||
| Schulden | 857.331 | 1.026.318 | 971.701 | |
| VIII. Schulden op meer dan één jaar | (7) | 28.000 | 0 | 60.000 |
| A. Financiële schulden | 0 | 0 | 60.000 | |
| B. Handelsschulden | ||||
| C. Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen | ||||
| D. Overige schulden | 28.000 | |||
| IX. Schulden op ten hoogste één jaar | 829.088 | 1.025.182 | 909.739 | |
| A. Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen | 0 | 0 | 0 | |
| B. Financiële schulden | (7) | 728.209 | 954.885 | 844.687 |
| 1. Kredietinstellingen | ||||
| 2. Overige leningen | 728.209 | 954.885 | 844.687 | |
| C. Handelsschulden | 442 | 430 | 429 | |
| 1. Leveranciers | 442 | 430 | 429 | |
| E. Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen en sociale lasten | 2.914 | 3.150 | 2.632 | |
| 1. Belastingen | 158 | 191 | 156 | |
| 2. Bezoldigingen en sociale lasten | 2.756 | 2.959 | 2.476 | |
| F. Overige schulden | (8) | 97.523 | 66.718 | 61.991 |
| X. Overlopende rekeningen | 243 | 1.136 | 1.962 | |
| Totaal der passiva | 2.537.045 | 2.452.503 | 2.396.315 |
| (€ 1.000) | Nota's | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|---|
| Kosten | ||||
| A. Kosten van schulden | 3.905 | 4.802 | 7.237 | |
| B. Andere financiële kosten | 879 | 924 | 1.246 | |
| C. Diensten en diverse goederen | 8.006 | 8.842 | 8.686 | |
| D. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen | 1.876 | 2.114 | 2.373 | |
| E. Diverse lopende kosten | 927 | 766 | 260 | |
| F. Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, immateriële vaste activa en materiële vaste activa |
695 | 680 | 657 | |
| G. Waardeverminderingen | (9) | 36.118 | 6.373 | 5.419 |
| 1. Op financiële vaste activa | 15.170 | 6.373 | 5.011 | |
| 2. Op vlottende activa | 20.948 | 0 | 408 | |
| H. Voorzieningen voor risico's en kosten | 0 | 0 | 0 | |
| I. Minderwaarde bij realisatie | 3.195 | 3.100 | 515 | |
| 1. Van materiële en immateriële vaste activa | 0 | 0 | 0 | |
| 2. Van financiële vaste activa | (10) | 2.292 | 927 | 20 |
| 3. Van vlottende activa | 903 | 2.173 | 495 | |
| J. Uitzonderlijke kosten | 0 | 0 | 0 | |
| K. Belastingen | 126 | 18 | 4 | |
| L. Winst van het boekjaar | 322.518 | 67.769 | 60.278 | |
| M. Overboeking naar belastingvrije reserves | ||||
| N. Te bestemmen winst van het boekjaar | 322.518 | 67.769 | 60.278 | |
| Resultaatverwerking | ||||
| A. Te bestemmen winstsaldo | 1.555.079 | 1.306.957 | 1.306.107 | |
| 1. Te bestemmen resultaat van het boekjaar | 322.518 | 67.769 | 60.278 | |
| 2. Overgedragen winst van het vorige boekjaar | 1.232.562 | 1.239.188 | 1.245.829 | |
| Totaal | 1.555.079 | 1.306.957 | 1.306.107 |
| (€ 1.000) | Nota's | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|---|
| Opbrengsten | ||||
| A. Opbrengsten uit financiële vaste activa | (11) | 343.761 | 75.476 | 78.199 |
| 1. Dividenden | 342.293 | 73.604 | 76.535 | |
| 2. Interesten | 120 | 547 | 310 | |
| 3. Tantièmes B. Opbrengsten uit vlottende activa |
1.348 1.221 |
1.326 1.339 |
1.354 1.289 |
|
| C. Andere financiële opbrengsten | 9 | 4 | 4 | |
| D. Opbrengsten uit geleverde diensten | 2.596 | 4.611 | 4.599 | |
| E. Andere lopende opbrengsten | 370 | 337 | 361 | |
| F. Terugnemingen van afschrijvingen en waardeverminderingen op materiële en immateriële vaste activa |
||||
| G. Terugnemingen van waardeverminderingen | 261 | 9.691 | 219 | |
| 1. Op financiële vaste activa | 62 | 5.214 | 116 | |
| 2. Op vlottende activa | 200 | 4.477 | 103 | |
| H. Terugnemingen van voorzieningen voor risico's en kosten | 0 | 4 | 113 | |
| I. Meerwaarde bij realisatie | (12) | 30.028 | 3.926 | 1.890 |
| 1. Van immateriële en materiële vaste activa | 23 | 8 | 7 | |
| 2. Van financiële vaste activa | 29.636 | 3.560 | 836 | |
| 3. Van vlottende activa | 369 | 357 | 1.047 | |
| J. Uitzonderlijke opbrengsten | 0 | 0 | 0 | |
| K. Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen | ||||
| L. Verlies van het boekjaar | 0 | 0 | 0 | |
| M. Onttrekking aan de belastingvrije reserves | ||||
| N. Te bestemmen verlies van het boekjaar | 0 | 0 | 0 | |
| Resultaatverwerking | ||||
| C. Toevoeging aan het eigen vermogen | 1.988 | 8.202 | 5.460 | |
| 3. Aan de overige reserves | 1.988 | 8.202 | 5.460 | |
| D. Over te dragen resultaat | 1.484.103 | 1.232.562 | 1.239.188 | |
| 1. Over te dragen winst | 1.484.103 | 1.232.562 | 1.239.188 | |
| F. Uit te keren winst | 68.989 | 66.194 | 61.458 | |
| 1. Vergoeding van het kapitaal | 68.334 | 65.654 | 60.964 | |
| 2. Bestuurders of zaakvoerders | 655 | 540 | 494 | |
| Totaal | 1.555.079 | 1.306.957 | 1.306.107 |
Maatschappelijke zetel Begijnenvest 113, 2000 Antwerpen BTW BE 0404.616.494 RPR Antwerpen
De vennootschap werd opgericht op 30 december 1924 bij notariële akte, in extenso verschenen in de bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 15 januari 1925 onder nummer 566. De statuten werden meermaals gewijzigd en voor het laatst bij notariële akte op 26 november 2014, bij uittreksel bekendgemaakt in de bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van 16 december 2014 onder nummer 14223121.
Duur van de vennootschap
Onbepaald.
Naamloze vennootschap naar Belgisch recht die een openbaar beroep op het spaarwezen doet of heeft gedaan in de zin van artikel 438 van het Wetboek van Vennootschappen.
De vennootschap heeft tot doel:
algemene aanneming van constructies, evenals het vlotbrengen van boten en schepen;
(h) het beheren, valoriseren en te gelde maken van deze belangen of deelnemingen;
De vennootschap kan alle hoegenaamde burgerlijke-, commerciële-, industriële-, financiële-, roerende en onroerende verrichtingen uitvoeren, die rechtstreeks of onrechtstreeks in verband staan met haar doel of die van aard zijn de verwezenlijking daarvan te bevorderen.
Zij kan zich ten gunste van de vennootschappen, ondernemingen, bedrijvigheden en verenigingen waarin zij een belang of deelneming heeft borgstellen of haar aval verlenen, optreden als agent of vertegenwoordiger, voorschotten toestaan, kredieten verlenen, hypothecaire of andere zekerheden verstrekken.
De bedrijvigheid van de vennootschap mag zowel in het buitenland als in België uitgeoefend worden.
De enkelvoudige en de geconsolideerde jaarrekening van de vennootschap worden neergelegd bij de Nationale Bank van België. De gecoördineerde versie van de statuten van de vennootschap kan geraadpleegd worden op de griffie van de rechtbank van koophandel te Antwerpen. Het jaarlijks financieel verslag wordt verstuurd naar de aandeelhouders op naam alsook naar eenieder die hierom verzoekt. De gecoördineerde versie van de statuten en het jaarlijks financieel verslag zijn tevens beschikbaar op de website (www.avh.be).
Het geplaatst maatschappelijk kapitaal bedraagt 2.295.277,90 euro. Het kapitaal is volledig volgestort en wordt vertegenwoordigd door 33.496.904 aandelen zonder vermelding van nominale waarde.
De meest recente kapitaalverhoging dateert van 11 oktober 1999, en dit in het kader van de fusie door overneming van Belcofi NV door Ackermans & van Haaren NV.
De raad van bestuur kan in de gevallen voorzien in het bijzonder verslag, goedgekeurd door de buitengewone algemene vergadering van 26 november 2014, het maatschappelijk kapitaal gedurende 5 jaar, te rekenen vanaf 16 december 2014, in één of meer malen verhogen met een bedrag van maximum 500.000 euro.
De raad van bestuur kan tevens gebruik maken van het toegestaan kapitaal, in geval van openbaar overnamebod op effecten uitgegeven door de vennootschap, onder de voorwaarden en binnen de grenzen van artikel 607 van het Wetboek van Vennootschappen. De raad van bestuur kan van deze machtiging gebruik maken, indien de kennisgeving van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) aan de vennootschap dat haar is kennis gegeven van een openbaar overnamebod, niet later dan drie jaar na 26 november 2014 plaatsvindt.
De kapitaalverhogingen waartoe krachtens deze machtigingen wordt besloten kunnen geschieden overeenkomstig de door de raad van bestuur te bepalen modaliteiten, met of zonder uitgifte van nieuwe aandelen, door uitgifte van al dan niet achtergestelde converteerbare obligaties of van warrants of andere roerende waarden al dan niet gehecht aan andere effecten van de vennootschap.
De machtiging omvat de bevoegdheid om over te gaan tot:
De bevoegdheden kunnen worden hernieuwd overeenkomstig de wettelijke bepalingen.
De volgestorte aandelen en de andere effecten van de vennootschap bestaan op naam of in gedematerialiseerde vorm. Elke titularis kan op elk ogenblik op zijn kosten de omzetting vragen van zijn volgestorte effecten in een andere vorm, binnen de grenzen van de wet en zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van de derde paragraaf van artikel 9 van de statuten.
De effecten zijn ondeelbaar tegenover de vennootschap die de rechten behorende tot ieder aandeel waarover betwistingen zouden bestaan betreffende de eigendom, het vruchtgebruik of de naakte eigendom kan schorsen. Ingeval van vruchtgebruik zal de naakte eigenaar van het aandeel tegenover de vennootschap vertegenwoordigd worden door de vruchtgebruiker, behoudens andersluidende overeenkomst tussen partijen.
Sinds 1 januari 2008 mag de vennootschap geen aandelen aan toonder meer uitgeven en kunnen de aandelen op naam niet meer worden omgezet in aandelen aan toonder.
De toonderaandelen, die uiterlijk op 31 december 2013 niet waren omgezet in aandelen op naam of in gedematerialiseerde aandelen, zijn sinds 1 januari 2014 van rechtswege omgezet in gedematerialiseerde aandelen.
Deze aandelen werden ingeschreven op een effectenrekening op naam van Ackermans & van Haaren. De rechten verbonden aan deze aandelen (stemrecht, recht op deelneming in de winst, enz.) werden geschorst. Sinds 1 januari 2015 is Ackermans & van Haaren gerechtigd om de aandelen waarvan de rechthebbende zich niet heeft bekendgemaakt ter beurze te verkopen, na bekendmaking van een bericht in die zin. Ackermans & van Haaren heeft, conform de wettelijke procedure, in de loop van 2015 10.872 aandelen ter beurze verkocht en de opbrengst daarvan in bewaring gegeven bij de Deposito- en Consignatiekas.
Voor alle vragen kan men terecht op het telefoonnummer +32 3 231 87 70 of via e-mail: [email protected] ter attentie van Jan Suykens of Tom Bamelis.
Ackermans & van Haaren NV Begijnenvest 113 2000 Antwerpen, België Telefoon +32 3 231 87 70 E-mail: [email protected] Website: www.avh.be RPR Antwerpen BTW: BE 0404.616.494
© Koen Fasseur © Michel Muylle © Nicolas van Haaren © Philippe Van Gelooven
De digitale versie van dit jaarverslag kan geraadpleegd worden op www.avh2016.be. Ce rapport annuel est également disponible en français. This annual report is also available in English. De Nederlandse versie van dit document moet beschouwd worden als het officiële referentiedocument.
FBD nv (www.fbd.be)
| 19 mei 2017 | Tussentijdse verklaring Q1 2017 |
|---|---|
| 22 mei 2017 | Algemene vergadering |
| 31 augustus 2017 | Halfjaarresultaten 2017 |
| 22 november 2017 | Tussentijdse verklaring Q3 2017 |
Ackermans & van Haaren NV Begijnenvest 113 2000 Antwerpen - België Tel. +32 3 231 87 70 [email protected] www.avh.be
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.