AI assistant
Tessenderlo Group nv — Annual Report 2011
Apr 2, 2012
4010_10-k_2012-04-02_2dab6138-3df1-4b5a-9a3e-1f930589e2ac.pdf
Annual Report
Open in viewerOpens in your device viewer
WE TRANSFORMEREN OMDAT... Jaarverslag 2011
BEDRIJFS-PROFIEL
TESSENDERLO GROUP IS EEN INTERNATIONALE SPECIALITEITENGROEP DIE OPLOSSINGEN BIEDT VOOR WERELDWIJDE BEHOEFTEN OP HET VLAK VAN VOEDING, LANDBOUW EN WATERBEHEER EN HET EFFICIENT (HER)GEBRUIK VAN NATUURLIJKE GRONDSTOFFEN. DE GROEP IS MARKTLEIDER OP VRIJWEL AL ZIJN MARKTEN EN STAAT VOORAL TEN DIENSTE VAN KLANTEN IN DE LANDBOUW, DE INDUSTRIE, DE BOUW, DE GEZONDHEIDSSECTOR EN CONSUMPTIEGOEDEREN.
Wereldwijde megatrends, zoals de bevolkingsgroei en een verdere stijging van de rijkdom en de consumptie, leiden tot een grotere vraag naar voeding en zuiver water. Aan de andere kant worden de natuurlijke grondstoffen almaar schaarser en dreigen ze uitgeput te raken. Tessenderlo Group richt zich op activiteiten die oplossingen bieden voor deze enorme uitdagingen. Het bedrijf is een expert in de innovatieve verwerking van bijproducten uit verschillende bedrijfstakken tot waardevolle nieuwe producten.
En dan vooral die producten die ervoor zorgen dat er meer zuiver water is, die oogstopbrengsten verhogen en die het gebruik van natuurlijke grondstoffen verminderen.
Met een sterkere focus op innovatie, afgestemd op de wereldwijde megatrends, bouwt de groep voort op duurzaamheid als motor voor zijn toekomstige groei en ontwikkeling. Het nieuwe Tessenderlo Group krijgt een meer gediversifieerde geografische spreiding, zal meer servicegericht zijn en zal een
beter groei- en rendementsprofiel kunnen voorleggen.
De groep rapporteert als volgt over zijn activiteiten:
- Tessenderlo Kerley
- Minerale chemie
- Gelatine en Akiolis
- Kunststof leidingsystemen en Profielen
- Andere activiteiten (Compounds, Organische chloorderivaten, Farma, Waterbehandeling)
TESSENDERLO GROUP KERNCIJFERS OVER IFRS
10 JAAR
REBITDA (miljoen EUR)
| IFRS | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 | 2005 | 2004 | 2003 | 2002 |
| Omzet | 2 126,0 | 2 024,0 | 2 093,8 | 2 765,0 | 2 405,9 | 2 238,3 | 2 149,6 | 2 062,9 | 1 972,0 | 1 934,0 |
| REBITDA | 187,0 | 162,8 | 63,4 | 344,7 | 261,6 | 188,4 | 191,8 | 220,8 | 204,0 | 259,0 |
| REBIT | 104,9 | 73,0 | - 51,4 | 239,1 | 152,3 | 72,3 | 67,4 | 106,2 | 82,0 | 115,0 |
| Niet-recurrente opbrengsten/(kosten) | 1,0 | 3,0 | - 99,8 | - 26,9 | 35,1 | - 76,9 | - 8,2 | - 25,0 | ||
| EBIT | 105,9 | 76,0 | - 151,2 | 212,2 | 187,4 | - 4,6 | 59,2 | 81,2 | ||
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode | 57,9 | 33,0 | - 166,7 | 140,4 | 128,7 | - 24,3 | 35,1 | 53,6 | 43,0 | 71,0 |
| Nettocashfl ow | 135,6 | 83,0 | 45,9 | 280,1 | 248,1 | 142,8 | 161,0 | 195,6 | 162,0 | 207,0 |
| Winst (+) / verlies (-) /Omzet (%) |
2,7 | 1,6 | -8,0 | 5,1 | 5,3 | -1,1 | 1,6 | 2,6 | 2,2 | 3,7 |
| REBIT/Omzet (%) |
4,9 | 3,6 | -2,5 | 8,6 | 6,3 | 3,2 | 3,1 | 5,1 | 4,2 | 5,9 |
| Nettocashfl ow/Omzet (%) |
6,4 | 4,1 | 2,2 | 10,1 | 10,3 | 6,4 | 7,5 | 9,5 | 8,2 | 10,7 |
| Capital Employed (CE) | 894,3 | 976,5 | 1 099,4 | 1 282,7 | 1 118,9 | 1 181,3 | 1 258,0 | 1 166,0 | 1 136,0 | 1 141,0 |
| Bedrijfskapitaal | 262,4 | 179,6 | 283,7 | 552,5 | 367,0 | 392,7 | 447,0 | 413,2 | 425,0 | 436,0 |
| ROCE (%) |
11,7 | 6,0 | -4,7 | 18,6 | 13,6 | 6,1 | 5,4 | 9,1 | 7,2 | 10,1 |
| Investeringen (materiële vaste activa) | 102,4 | 117,1 | 112,4 | 94,2 | 98,6 | 119,3 | 172,5 | 171,1 | 119,0 | 110,0 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan aandeelhouders van de vennootschap |
600,3 | 724,8 | 705,2 | 900,0 | 800,2 | 709,5 | 774,3 | 755,5 | 756,0 | 758,0 |
| Return On Equity (ROE) (%) |
8,7 | 2,8 | - 20,8 | 16,5 | 17,0 | - 3,3 | 4,6 | 7,2 | 5,7 | 9,5 |
| Netto fi nanciële schulden | 219,4 | 162,0 | 209,0 | 294,6 | 243,8 | 411,0 | 428,9 | 351,4 | 339,0 | 303,0 |
| Netto fi nanciële schulden/Eigen vermogen (%) |
36,5 | 22,3 | 29,6 | 32,7 | 30,4 | 57,8 | 55,4 | 46,5 | 44,8 | 40,0 |
| Netto fi nanciële schulden/REBITDA | 1,2 | 0,9 | 3,3 | 0,9 | 0,9 | 2,2 | 2,2 | 1,6 | 1,7 | 1,2 |
| Interestdekking | 6,4 | 2,8 | - 17,3 | 14,3 | 10,9 | 0,5 | 3,9 | 5,2 | 5,0 | 8,0 |
| Betaald dividend | 39,4 | 38,3 | 37,1 | 36,9 | 35,0 | 33,3 | 32,7 | 32,7 | 30,7 | 30,6 |
| Pay out ratio (%) |
68,0 | 188,7 | N/A | 26,3 | 27,2 | N/A | 94,4 | 58,0 | 71,5 | 43,1 |
| Personeel | 7 457 | 8 262 | 8 317 | 8 237 | 8 121 | 8 124 | 8 123 | 8 181 | 8 223 | 7 934 |
Een woordenlijst met financiële definities kan u vinden aan het einde van dit verslag Cijfers van de voortgezette bedrijfsactiviteiten 2010 - 2011
Bedrijfskapitaal / omzet
Eigen vermogen toerekenbaar aan de
aandeelhouders van de vennootschap (miljoen EUR)
Return on equity
-25
Netto fi nanciële schulden / eigen
Investeringen
02 03 04 05 06 07 08 09 10 11
INHOUDSTAFEL
| BERICHT AAN DE STAKEHOLDERS | 5 |
|---|---|
| STRATEGIE | 9 |
| ACTIVITEITENVERSLAG | 19 |
| TESSENDERLO KERLEY | 20 |
| MINERALE CHEMIE | 26 |
| GELATINE EN AKIOLIS KUNSTSTOF LEIDINGSYSTEMEN EN PROFIELEN |
32 40 |
| ANDERE ACTIVITEITEN | 48 |
| MANAGEMENTVERSLAG | 55 |
| Bedrijfsgroei | 56 |
| Analyse van de belangrijkste risico's | 58 |
| Gezondheid, veiligheid, milieu en kwaliteit | 62 |
| Human resources Innovatie, onderzoek en ontwikkeling |
64 66 |
| Verklaring deugdelijk bestuur | 68 |
| FINANCIEEL JAARVERSLAG | 93 |
| Geconsolideerde fi nanciële staten | 94 |
| Verslag van de commissaris | 180 |
| Statutair fi nancieel verslag | 182 |
| BIJKOMENDE INFORMATIE | 185 |
| Informatie voor de aandeelhouders | 186 |
| Markten en toepassingen Financiële woordenlijst |
190 192 |
HOOGTEPUNTEN VAN 2011
februari
1 TESSENDERLO GROUP VERKOOPT ZIJN DOCHTER-ONDERNEMING TESSEN-DERLO FINE CHEMICALS LTD. (VK) AAN TENNANTS CONSOLIDATED LTD.
maart
16 TESSENDERLO KERLEY INC. (VS) EN GARY WILLIAMS ENERGY CORPORATION SLUITEN EEN LANGETERMIJNOVE-REENKOMST: ZOWEL DE ZWAVELVERWERKINGS-CAPACITEIT IN GWEC'S RAFFINADERIJ IN WYNNEWOOD (OKLAHOMA) ALS TKI'S CAPACITEIT ZWAVEL-HOUDENDE MESTSTOFFEN BREIDEN UIT.
april 29
TESSENDERLO GROUP SLUIT EEN SUCCESVOLLE HER ZIENING AF VAN ZIJN GESYNDICEERDE KREDIETFACILITEITEN VAN FEBRUARI 2010, MET AANZIENLIJKE OVERINTEKENING.
DEZE AANGEPASTE FACILI-TEITEN WORDEN AANGE-GAAN VOOR EEN TOTAAL-BEDRAG VAN 450 MILJOEN EUR, MET EEN LOOPTIJD VAN 5 JAAR.
mei
12 TESSENDERLO KERLEY INC. KONDIGT AAN DAT DOCHTERONDERNEMING TESSENDERLO KERLEY INC. (VS) ZIJN SITE IN BURLEY, IDAHO, ZAL UITBREIDEN MET EEN AANGRENZENDE ATS-FABRIEK.
juni 14
TESSENDERLO GROUP ZET EEN BELANGRIJKE STAP IN ZIJN TRANSITIE NAAR EEN SPECIALITEITENGROEP.
HET BEDRIJF ONDERTEKENT EEN OVEREENKOMST MET KERLING VOOR DE VERKOOP VAN DE PVC-ACTIVITEITEN VAN TESSENDERLO GROUP, INCLUSIEF MVC, CHLOOR-ALKALI EN EEN GEDEELTE VAN ORGANISCHE CHLOORDERIVATEN.
TESSENDERLO GROUP MAAKT BEKEND DAT IN TOTAAL 63 % VAN DE COU-PONS WERDEN INGERUILD VOOR NIEUWE AANDELEN.
2 DE AANDEELHOUDERS HADDEN DE KEUZE TUSSEN EEN DIVIDEND OVER 2010 IN CASH, NIEUWE AANDE-LEN OF EEN COMBINATIE HIERVAN. ER WORDEN 722 809 NIEUWE GEWONE AANDELEN UITGEGEVEN OP 18 JULI 2011.
juli 25
TESSENDERLO GROUP VERKOOPT ZIJN DOCHTER-ONDERNEMING CHELSEA BUILDING PRODUCTS INC. (VS) AAN GRAHAM PART NERS, EEN PRIVATE INVESTERINGSMAAT-SCHAPPIJ.
augustus
1 TESSENDERLO GROUP RONDT DE VERKOOP AF VAN DE PVC- EN CHLOOR-ALKALI-ACTIVITEITEN EN EEN DEEL VAN DE ORGA-NISCHE CHLOORDERIVA-TEN AAN KERLING/INEOS CHLORVINYLS.
augustus
23 TESSENDERLO KERLEY INC. NEEMT DE PURSHADE PRODUCTLIJN OVER VAN PURFRESH.
september
TESSENDERLO GROUP SLUIT EEN OVEREENKOMST VOOR DE OVERNAME VAN BT BAUTECHNIK GROUP.
VANUIT ZIJN PRODUCTIE-SITES IN DUITSLAND EN HONGARIJE LEVERT BT BAUTECHNIK VERBINDINGS HULP-STUKKEN AAN EEN BREED KLANTEN BESTAND IN DE EUROPESE KUNSTSTOF-LEIDINGENINDUSTRIE.
september 21
011p3 TESSENDERLO GROUP VERKOOPT 13,33 % VAN ZIJN PARTICIPATIE IN T-POWER. DAARMEE BRENGT HET ZIJN BELANG VAN 33,3 % TERUG TOT 20 %.
T-POWER IS EEN ONAFHAN-KELIJKE ELEKTRICITEITS-PRODUCENT MET EEN 425 MW CENTRALE, GELEGEN IN TESSENDERLO (BELGIE).
september
28 TESSENDERLO GROUP VERKOOPT DYNAPLAST-EXTRUCO INC. (CANADA) AAN EEN PRIVÉ-INVESTEERDER.
november
30
TESSENDERLO GROUP INVESTEERT, VIA ZIJN DOCHTERONDER NEMING EUROCELL, 3,5 MILJOEN EURO IN DE GROOTSTE EN MEEST GEAVAN CEERDE PVC-RECYCLAGE-EENHEID IN HET VK.
HET NIEUWE CLOSED-LOOP RECYCLINGSYSTEEM KAN TOT 12 000 AFGEDANKTE RAAMPROFIELEN PER WEEK VERWERKEN.
Verkorte geconsolideerde balans
| IFRS | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | 2011 | % | 2010 | % | |
| Materiële vaste activa | 518,8 | 682,2 | |||
| Goodwill | 55,0 | 53,4 | |||
| Overige immateriële vaste activa | 58,1 | 61,2 | |||
| Overige vaste activa | 63,4 | 81,0 | |||
| Totaal vaste activa | 695,3 | 50 | 877,9 | 52 | |
| Voorraden | 350,8 | 349,7 | |||
| Totaal handels- en overige vorderingen | 290,9 | 300,2 | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 34,9 | 150,5 | |||
| Totaal vlottende activa | 676,6 | 49 | 800,4 | 47 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 7,8 | 1 | 18 | 1 | |
| Totaal activa | 1 379,7 | 100 | 1 696,5 | 100 | |
| Geplaatst kapitaal en uitgiftepremies | 221,4 | 201,2 | |||
| Totaal reserves en overgedragen winst | 378,9 | 523,6 | |||
| Minderheidsbelang | 4,3 | 3,7 | |||
| Totaal eigen vermogen | 604,6 | 44 | 728,6 | 43 | |
| Voorzieningen, personeelsbeloningen en uitgestelde | 125,7 | 147,6 | |||
| belastingen | |||||
| Financiële schulden | |||||
| - Lange termijn | 180,5 | 195,4 | |||
| - Korte termijn | 73,9 | 117,1 | |||
| Overige schulden | 395,0 | 501,2 | |||
| Totaal schulden | 775,1 | 56 | 961,4 | 57 | |
| Verplichtingen aangehouden voor verkoop | - | - | 6,5 | - |
Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening
| IFRS | ||||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
| Voortgezette bedrijfsactiviteiten | ||
|---|---|---|
| Omzet | 2 126,0 | 2 024,0 |
| Kostprijs verkopen | -1 690,1 | -1 632,1 |
| Brutowinst | 435,9 | 391,9 |
| Distributiekosten | - 98,9 | - 104,6 |
| Verkoop- en marketingkosten | - 69,2 | - 64,2 |
| Administratieve kosten | - 152,8 | - 134,7 |
| Overige bedrijfsopbrengsten en -kosten | - 10,1 | - 15,4 |
| REBIT | 104,9 | 73,0 |
| Niet-recurrente opbrengsten/(kosten) | 1,0 | 3,0 |
| EBIT | 105,9 | 76,0 |
| Financieringskosten - netto | - 25,6 | - 28,8 |
| Aandeel in het resultaat van deelnemingen opgenomen volgens de | 5,9 | 1,6 |
| vermogensmutatiemethode, na winstbelasting | ||
| Winst (+) / verlies (- ) vóór belastingen | 86,2 | 48,8 |
| Belastingen op het resultaat | - 28,3 | - 15,7 |
| Winst (+) / verlies (- ) over de verslagperiode | 57,9 | 33,0 |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | ||
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode - Beëindigde | ||
| bedrijfsactiviteiten, na winstbelasting | -153,6 | -12,8 |
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode | -95,6 | 20,3 |
| Toerekenbaar aan: | ||
| - Aandeelhouders van de vennootschap | -95,5 | 20,7 |
| - Minderheidsbelang | -0,1 | -0,4 |
Bericht aan de stakeholders
WE TRANSFORMEREN OMDAT WE MOETEN, KUNNEN EN WILLEN
Bericht van de voorzitter en de CEO
BESTE STAKEHOLDER, 2011 WAS IN DE GESCHIEDENIS VAN TESSENDERLO GROUP EEN JAAR VAN TRANSFORMATIE. DE GROEP ZETTE DE BELANGRIJKSTE STAP IN DE UITVOERING VAN ZIJN STRATEGIE DOOR DE VERKOOP VAN ZIJN PVC/CHLOOR-ALKALI-ACTIVITEITEN. NAAST DE DUIDELIJKE FINANCIELE VOORDELEN, DOOR DEZE UITSTAP UIT COMMODITIES, KAN DE GROEP NU MEER AANDACHT SCHENKEN AAN DE VERDERE UITBOUW VAN ZIJN GESPECIALISEERDE ACTIVITEITEN.
Hoe zou u 2011 omschrijven?
2011 was een bijzonder goed jaar voor Tessenderlo Group in termen van uitvoering, operationele prestaties en het behoud van onze sterke financiële positie. We zijn echt trots op wat ons team heeft verwezenlijkt. We kunnen 2011 bestempelen als een erg succesvol jaar waarin we op alle vlakken grote vooruitgang boekten.
Vergeet niet dat we altijd al gezegd hebben dat we zullen evolueren van een hybride bedrijf naar een internationale specialiteitengroep.
Kunt u uitleggen wat u bedoelt met 'evolueren naar'?
Twee jaar geleden hebben we een nieuwe strategie uitgestippeld. We hebben elke businessunit onder de loep genomen en daarbij gekeken naar de kenmerken van elke sector waarin we actief zijn. Wat zijn de groeivooruitzichten?
Hoe zien de winstgevendheid van de sector, het rendement en de kapitaalvereisten er uit? Zijn er indicaties dat dit kan veranderen in de toekomst? In welke mate schuiven deze businessunits op naar andere regio's?
Daarnaast hebben we de sterkte van ons bedrijf binnen de sector beoordeeld. Zijn we marktleider of niet? En zo ja, zijn we ervan overtuigd dat we die positie kunnen handhaven en zelfs verder kunnen uitbouwen? Of zijn er strategische kwesties die een marktleiderspositie in de weg staan?
Vervolgens hebben we naar de megatrends in de wereld gekeken. Met megatrends bedoelen we de problemen waarover we almaar vaker horen praten, de grote uitdagingen die niet door één bedrijf of één regering kunnen worden opgelost. Een voor de hand liggend uitgangspunt is de prognose dat onze planeet tegen 2025 negen miljard mensen zal tellen. Niet alleen zullen er dan meer mensen zijn, maar waar
groei plaatsvindt, worden mensen ook rijker en willen ze meer consumeren dan hun ouders. Maar de grondstoffen op onze planeet zijn niet onuitputtelijk. Daardoor neemt de druk op voedsel, water en energie – in veel gevallen is er een onderling verband – vandaag al toe. En het ziet ernaar uit dat die druk alleen maar zal verhogen.
Dan zijn we nagegaan hoe we op die trends kunnen inspelen. Op twee manieren: reactief, waarbij we de impact van die trends op onze activiteiten willen begrijpen, en proactief, om te zien hoe deze trends nieuwe zakelijke kansen creëren.
Op die manier hebben we een nieuwe strategie voor de groep uitgewerkt. Die is volledig gericht op het formuleren van een antwoord op de megatrends. We geven de strategie weer met de welgekende piramide.
Als we het dus hebben over onze transformatie, dan bedoelen we duidelijk de overgang van een commoditybedrijf naar een groep
video van dit interview op www.tessenderlo.com/news_ media/ar_2011/
> SCAN DEZE CODE
die gespecialiseerd is in voeding en landbouw, waterbeheer, het valoriseren van bioreststoffen en het efficiënte gebruik van grondstoffen.
Welke weg hebt u al afgelegd?
We hebben een enorme vooruitgang geboekt. We hebben onze commodityactiviteit Pvc/Chlooralkali en een groot deel van de Organische chloorderivaten afgestoten. Dit was de moeilijkste stap, omdat deze activiteiten in Europa met een structurele overcapaciteit en hoge kapitaalvereisten kampen. De verkoop van deze activiteit was de belangrijkste transactie in de uitvoering van onze strategie. Hierdoor profileren we ons niet langer als een commoditybedrijf maar als een specialiteitengroep.
We verkochten eveneens onze Organische chloorderivaten in het VK en de Profielenactiviteit in de VS en Canada. Alles samengenomen, deden we een kwart van de groepsomzet van de hand en bouwden we de volatiliteit af door de commodities af te stoten.
Natuurlijk waren we tevreden met deze belangrijke stappen, ook omdat we de juiste nieuwe eigenaars hadden gevonden voor de
verkochte activiteiten. Eigenaars die zelf een marktleiderspositie bekleden en die willen investeren om deze activiteiten te versterken en uit te bouwen.
Het draaide in 2011 niet alleen om desinvesteringen. De opbrengsten uit deze verkopen werden toegewezen aan andere activiteiten of investeringen. Zo konden we ons toespitsen op de groei van onze kernactiviteiten.
We voltooiden een aantal expansieprojecten: twee nieuwe gelatinefabrieken in Brazilië en China, een nieuwe productieeenheid voor Compounds om onze klanten uit de Chinese
"Tessenderlo Group boekte een enorme strategische vooruitgang en was in 2011 succesvol op alle vlakken."
FRANK COENEN CEO
GERARD MARCHAND VOORZITTER
automobielsector te bedienen en de overname van BT Bautechnik in Europa, waarvan de gespecialiseerde verbindingshulpstukken een perfecte aanvulling vormen op de productportefeuille van Kunststof leidingsystemen. Daarnaast kondigden we investeringen aan in nieuwe groeiprojecten: twee investeringen om de kernactiviteiten van Tessenderlo Kerley uit te breiden. Eén investering gaat over de levering van raffinaderijservices op lange termijn en in beide gevallen betekent dit het aanbieden van zwavelhoudende meststoffen aan de Noord-Amerikaanse teler voor hoogwaardige gewassen. Begin 2012 kondigden we de aankoop van het carbarylgewasbeschermingsgamma aan. Ook dit werd grotendeels voorbereid in 2011.
2011 was dus echt een jaar van grote strategische vooruitgang.
Dreigde u bij al deze verwezenlijkingen de operationele kant van de business niet uit het oog te verliezen?
De uitvoering van een dergelijk ambitieus programma dreigt ons natuurlijk af te leiden van de dagelijkse gang van zaken. Juist daarom zijn we er trots op dat we een opbrengstgroei van 10 % en een REBITDA-stijging van 21 % realiseerden. Meer nog, elk rapporterend segment boekte een hogere omzet en een hogere REBITDA, met vooral sterke prestaties voor TKI en de gelatineactiviteit. Dit toont aan dat we er, ondanks de transformatie, in geslaagd zijn om te blijven focussen op de producten en dienstverlening die de klanten van ons verwachten.
Bent u tevreden over de balans?
We hielden de balans erg gezond in 2011. We sloten het jaar af met een lage nettoschuld en lage leverage- en gearingratio's. Ook heel belangrijk is dat we veel betere kredietvoorwaarden kregen, zoals de verlenging van de looptijd van de gesyndiceerde kredietfaciliteit. We hebben vandaag een volledig gefinancierd businessplan tot 2016. Alles samengenomen, betekent dit dat we de middelen hebben om de komende jaren te groeien.
Wat volgt er nu na dit toch wel bijzondere jaar?
We maken vooruitgang, maar er is nog een hele afstand af te leggen. We hebben er alle vertrouwen in dat we kunnen voortbouwen op het momentum van 2011.
Onze vooruitzichten op korte termijn zijn voorzichtig. We
beschouwen 2012 als een overgangsjaar, deels omdat we meer operationele investeringen zullen uitvoeren om de groep sterker te maken. Kijken we verder vooruit, dan zien we heel wat kansen door onze prominente aanwezigheid in structureel aantrekkelijke eindmarkten, zoals voeding en landbouw, het valoriseren van bioreststoffen en waterbeheer. We houden onze koers aan, op weg naar een specialiteitengroep.
Op de jaarlijkse algemene vergadering van juni 2011 liepen de bestuurdersmandaten van baron Paul de Meester, Bernard Pache en Jaak Gabriels af. Namens de raad van bestuur bedanken we hen oprecht voor hun bijdrage in de afgelopen jaren. Op dezelfde vergadering verwelkomde de raad twee nieuwe leden: Philippe Coens en mevrouw Dominique Damon, die met hun rijke ervaring een meerwaarde zullen bieden.
Zo'n opmerkelijk jaar kon alleen gerealiseerd worden dankzij de inspanningen van de medewerkers van Tessenderlo Group. De raad van bestuur erkent deze inspanningen en bedankt alle medewerkers voor hun bijdrage in het transformatiejaar 2011.
Gérard Marchand Voorzitter van de raad van bestuur
Frank Coenen Chief Executive Officer
Strategie
WE OMDAT DUURZAAMHEID CENTRAAL STAAT IN ONZE STRATEGIE
Aanwezigheid van Tessenderlo Group in de wereld
De merken van Tessenderlo Group
p10 Tessenderlo Group Jaarverslag 2011
Omzet 2011: 2,1 miljard EUR
Bestemming
Land van productie
Verbruikersmarkt
BELGIË* BRAZILIË* CHILI CHINA* DUITSLAND* FRANKRIJK* HONGARIJE* ITALIË* LIBANON MEXICO NEDERLAND* POLEN* ROEMENIË SLOVAKIJE SPANJE TSJECHIË TURKIJE* VERENIGD KONINKRIJK* VERENIGDE STATEN* ZWITSERLAND
ARGENTINIË*
*Met productie-eenheden
Strategie
TESSENDERLO GROUP HEEFT VOORUITGANG GEBOEKT OP ZIJN WEG OM UIT TE GROEIEN TOT EEN INTERNATIONAAL GESPECIALISEERD BEDRIJF.
Groepsstrategie - Lopende portfoliotransformatie
In 2011 bleef Tessenderlo Group de portfoliostrategie die ze in 2010 bepaalde, onverminderd uitvoeren. Met deze strategie wil het bedrijf zich omvormen van een multilokale gediversifieerde speler met basisproducten in de chemie tot een internationale gespecialiseerde groep die volledig inspeelt op de mogelijkheden van globale megatrends. De portfoliostrategie is aan de ene kant gericht op de desinvestering van minder rendabele activiteiten met een lagere groei die op hun markt geen leiderschapspositie kunnen bekleden. Aan de andere kant focust de strategie op activiteiten die een toonaangevende positie kunnen verwerven op het gebied van voeding en landbouw, bioreststoffen, water management en efficiënt gebruik van grondstoffen.
De groep zette in 2011 belangrijke stappen met de desinvestering van de activiteiten van Pvc/ Chloor-alkali, de profielactiviteiten in de VS en Canada, de activiteiten Organische chloorderivaten in het VK en een deel van de participatie in T-Power.
In de loop van het jaar zijn er belangrijke vorderingen geboekt om de groeimotoren van de groep uit te breiden. Belangrijke initiatieven in dit verband waren de start van de nieuwe gelatinefabrieken in Brazilië en China, de start van de bouw van twee nieuwe Tessenderlo Kerley entiteiten voor meststoffen in de VS en de overname van BT Group, een Europees bedrijf dat gespecialiseerd is in verbindingshulpstukken en actief is in Duitsland en Hongarije. Naast betere financiële prestaties zullen deze aanpassingen in de portefeuille een bedrijf tot stand brengen dat meer wereldwijd actief is, met een groeiend aandeel in de
opkomende economieën en een sterke gerichtheid op duurzaam ondernemen.
In 2012 zal Tessenderlo Group zijn strategie voor de optimalisering van de groepsportefeuille verder uitvoeren.
Businessunit strategie - Streven naar top-tier prestaties
Tessenderlo Group bleef het proces van zijn strategische planning versterken in 2011. Alle businessunits hebben hun strategieën verder verfijnd en uitgevoerd om op hun respectieve markten een leidinggevende positie te verwerven. De noodzakelijke return on capital bedraagt hierbij op termijn 12 % of meer. Vanaf 2012 zullen de strategieën van de businessunits zich nog meer toespitsen op groei in termen van omvang
en vaardigheden, geografische spreiding en het product- en dienstenaanbod.
Duurzaamheid en innovatie als drijvende kracht
Duurzaamheid staat centraal in de groei van Tessenderlo Group. De groep ontwikkelt zijn activiteiten op basis van inzichten in klantenbehoeften en door oplossingen te bieden voor mega-uitdagingen: voeding en landbouw, waterbeheer, bioreststoffen en efficiënt gebruik van middelen. Veel van de activiteiten van de groep bekleden vandaag al een uitstekende positie. Dankzij de verwerking en omvorming van restgassen in vloeibare meststoffen door Tessenderlo Kerley, voldoen raffinaderijen aan de strengste emissienormen. Deze meststoffen zorgen voor een beduidend hogere productiviteit bij het kweken
van gespecialiseerde gewassen, vooral dan in regio's met weinig neerslag. Gelatine en Akiolis zorgen voor de opwaardering van eiwitten en vetten van dierlijke of organische bijproducten naar toepassingen die een almaar hogere waarde bieden. Dat varieert van farmaceutische toepassingen en voedingstoepassingen tot grondstoffen voor de oleochemie, dierenvoeding, meststoffen, biobrandstoffen en energie. Onder meer met zijn systemen voor stormwatermanagement biedt Kunststof leidingsystemen en Profielen een sterk antwoord op de uitdagingen rond waterbeheer.
Sterkere aanwezigheid in snelgroeiende economieën
De sterke groei van de opkomende economieën en de verschuiving van de economische macht
zijn fenomenen die elke sector erkent. Tessenderlo Group - nog altijd voornamelijk actief in Europa en de VS - ondernam in 2011 stappen om de groei in die regio's te ondersteunen. Voorbeelden zijn de recente opstart van de gelatinefabrieken in Brazilië en China en de almaar intensievere inspanningen om afnemers van kunstmest in Latijns-Amerika, het Midden-Oosten en Subsaharaans Afrika te bedienen.
Duurzaamheid
DUURZAAMHEID IS BIJ TESSENDERLO GROUP OP VERSCHILLENDE NIVEAUS MERKBAAR. HET GEEFT GESTALTE AAN DE IDENTITEIT VAN DE GROEP, BEPAALT WAT DE GROEP DOET EN HOE DE GROEP ZICH GEDRAAGT.
Bepaling van onze identiteit
In 2011 identificeerde Tessenderlo Group hoe duurzaamheid gestalte geeft aan de groepsidentiteit van het bedrijf en zijn medewerkers. Dit staat samengevat in de publicatie Our planet, our stakeholder (http://www.
tessenderlo.com/a_sustainable_ future/) die gedeeld werd met alle medewerkers van Tessenderlo Group. Ze wordt samengevat door deze acht mantra's:
1 ONZE PLANEET IS DE BELANGRIJKSTE STAKEHOLDER VAN TESSENDERLO GROUP
2
DUURZAAM PRODUCEREN BETEKENT ELKE MOLECULE MAXIMAAL HERGEBRUIKEN
3 AFVAL KAN MAAR BESTAAN WANNEER ER EEN GEBREK IS AAN INNOVATIE EN CREATIVITEIT
4
RESPECTVOL OMGAAN MET WATER IS EEN BUSINESSMODEL
5
INNOVATIE IS DE ENIGE MANIER OM TOEKOMSTIGE GENERATIES VAN VOEDSEL TE VOORZIEN
6 TRANSPARANTIE IS HET STERKSTE FUNDAMENT VOOR EEN DUURZAME ONDERNEMING
7
ONZE VEILIGHEIDS- EN MILIEUNORMEN ZIJN DEZELFDE OVER HEEL DE WERELD, OMDAT ELKE MENS EVEN WAARDEVOL IS
8
ENKEL EEN DUURZAME ONDERNEMING KAN BIJDRAGEN TOT EEN DUURZAME TOEKOMST
De acht mantra's beschrijven waar Tessenderlo Group voor wil staan. Ze werden gedeeld met het senior management op de leadershipteam-conferentie in 2011. Deze oproep tot actie was een belangrijke stap om duurzaamheid centraal te plaatsen in de strategie van de onderneming. Elke medewerker van de groep ontving een exemplaar van de publicatie.
Bepaling van onze strategie
Door duurzaamheid centraal te plaatsen in de groepsstrategie hebben we vastgesteld dat we voor vier enorme uitdagingen staan: voeding, water, de bioeconomie en efficiënt gebruik van grondstoffen en hulpbronnen. Tessenderlo Group is ervan overtuigd dat het kan bijdragen
tot een aantal van de oplossingen om deze uitdagingen aan te pakken. Dit is in de eerste plaats hoe duurzaamheid vorm moet geven aan de bedrijfsactiviteiten van de groep.
Duurzaamheid in praktijk brengen werd zo gedefinieerd:
De vier bovenvermelde thema's omvatten grote maatschappelijke uitdagingen. Deze uitdagingen hebben vele dimensies en zijn complex. De oplossingen ervoor zijn dat eveneens. Tessenderlo Group streeft ernaar om een almaar grotere bijdrage te leveren aan die oplossingen. Om dit te bereiken zet de groep beperkingen in termen van eindige hulpbronnen en klimaatverandering om in gedeelde opportuniteiten voor waardecreatie. Het gaat om opportuniteiten waarbij naast de aandeelhouders ook andere stakeholders voordeel halen uit de economische activiteit van de groep. Dat maakt die activiteiten niet alleen duurzamer, maar ook veerkrachtiger en robuuster. Kortom: duurzaamheid centraal plaatsen in de strategie van de groep is haar 'licence to grow'.
Bepaling van onze houding
Bijdragen aan de oplossingen voor deze maatschappelijke noden zal een engagement met externe stakeholders vergen. De problemen overschrijden immers de reikwijdte en de
invloedssfeer van elke individuele stakeholder. Die bijdrage lukt alleen door een geloofwaardig, transparant en verantwoordelijk bedrijf te zijn. Daarom wordt het integriteitsbeheer van de groep - hoe de groep zich gedraagt en handelt - een cruciaal element voor het realiseren van de toekomstige bedrijfsdoelstellingen. Wat de groep doet en hoe ze dat doet, wordt op die manier nauw verbonden.
Een kader voor duurzaamheid
Tessenderlo Group heeft een kader gecreëerd waarbinnen de verschillende dimensies van duurzaamheid geplaatst worden.
De grondbeginselen zouden we kunnen omschrijven als de 'licence to operate' van de groep. Het is wat stakeholders verwachten van de onderneming. Initiatieven kunnen betrekking hebben op economische/bestuurlijke, sociale of ecologische aspecten. Verbeteringen gaan een stap verder. Door inzicht te verwerven in de duurzaamheidsaspecten van de bestaande waardeketens
van onze activiteiten, kunnen we de sociaal-economische en milieugebonden gevolgen aanpakken.
De volgende stap in het proces transformaties - heeft betrekking op het opnieuw uitvinden van de rollen van de groep in bestaande of nieuwe waardeketens en de gevolgen daarvan. De groep gaat uit van de belangrijke maatschappelijke problemen en heeft van daaruit de ambitie om nieuwe gebieden te verkennen waarin zijn expertise en mogelijkheden een meerwaarde kunnen betekenen.
De groep kan deze ambitie niet van vandaag op morgen realiseren. Dit kader in praktijk brengen is een proces waarin de groep vooruitgang wil boeken. Dag na dag. Jaar na jaar.
Een netwerk voor duurzaamheid
Om dit veranderingsproces mee mogelijk te maken werd binnen Tessenderlo Group een netwerk voor duurzaamheid gecreëerd. In dit netwerk is elke businessunit en elke groepsfunctie
vertegenwoordigd. De leden fungeren als adviseurs en change agents voor duurzaamheid binnen hun respectievelijke organisaties. De Group Sustainability Manager coördineert het netwerk.
Het netwerk brengt de weg van de groep naar meer duurzame ontwikkeling in kaart. Dit is een voortdurend proces dat vorm zal krijgen door de overtuiging dat duurzaamheid in essentie een bedrijfsstrategie is.
De bedrijven integreren dit gegeven steeds meer in hun activiteiten. Dat is ook merkbaar voor elk bedrijfssegment in dit verslag.
Transformaties Om onze toekomstige inspanningen te begeleiden, ontwikkelden we voor de hele onderneming een kader voor duurzaamheid.
| Grondbeginselen | Verbeteringen | ||
|---|---|---|---|
| Economisch/ bestuurlijk |
• Integriteitsbeheer | • De duurzaamheidsimpact van bestaande waardeketens beheren en in kaart brengen |
• Nieuwe producten en diensten • Nieuwe partnerships |
| Sociaal | • Veiligheid • Werkgelegenheids - praktijken |
• Innovatiecapaciteit • Inzicht in de voordelen van duurzaamheid |
• Ontwikkeling van leadership • Maatschappelijke betrokkenheid |
| Milieu | • HSE-beheer • Product stewardship |
• Geavanceerd HSE-beheer |
• CO2 -rapportering • Uitputting van grondstoffen |
| Beleidslijnen van de groep & supportfuncties |
• Risicobeheer, HR, gedragscode, communicatie |
• Expertise in Life Cycle Analysis • Communicatie |
• CO2-beheer, HR • Communicatie |
Meer shared value creëren
2011 kerncijfers per bedrijfssegment
Omzet
(miljoen EUR)
Investeringen materiële vaste en overige immateriële activa (miljoen EUR)
Personeelsbestand REBITDA
Gelatine en Akiolis 30,4% Kunststof leidingsystemen en Profi elen 20,2% Andere activiteiten 5,9%
Uitgezonderd niet-toegewezen kosten: -31,5 milljoen EUR
Activiteitenverslag
WE TRANSFORMEREN OMDAT WE GERICHTE EN DUURZAME GROEI NASTREVEN IN AL ONZE BUSINESSUNITS
TESSENDERLO KERLEY MINERALE CHEMIE GELATINE EN AKIOLIS KUNSTSTOF LEIDINGSYSTEMEN EN PROFIELEN ANDERE ACTIVITEITEN
DE OMZET VAN TESSENDERLO KERLEY LIEP OP TOT 270,8 MILJOEN EURO OF 17 % MEER DAN IN 2010. DE REBITDA BEDROEG 66,5 MILJOEN EURO EN WAS 39,6 % HOGER DAN IN 2010.
TOEPASSINGEN
Tessenderlo Kerley produceert zwavelhoudende vloeibare meststoffen (ammonium, kalium, calcium en magnesiumthiosulfaat) die worden gebruikt voor het verbouwen van granen en grootschalige gewassen, in boomkwekerijen en voor groenteteelt. Tessenderlo Kerley ontwikkelt, produceert en commercialiseert ook wereldwijd gewasbeschermingsmiddelen. Andere zwavelhoudende derivaten worden gebruikt in verschillende industriële toepassingen, waaronder mijnbouw, water- en afvalwaterbehandeling, bodemsanering en een breed scala van chemische processen.
Activiteiten en producten
- TOONAANGEVENDE PRODUCENT VAN ZWAVELHOUDENDE VLOEIBARE MESTSTOFFEN VOOR GROOTSCHALIGE GEWASSEN, GROENTE- EN FRUITTEELT • GESPECIALISEERDE GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN
- MILIEUSERVICES VOOR RAFFINADERIJEN
Tessenderlo Kerley Inc. (TKI) is een bedrijf dat gespecialiseerd is in meststoffen. Door de jaren heen heeft het een breed scala van oplossingen voor de landbouw, raffinaderijen, mijnbouw en waterbehandeling ontwikkeld. In zijn gamma zitten meststoffen, gewasbeschermingsmiddelen, proceschemicaliën en diensten voor diverse markten over de hele wereld. TKI exploiteert tien fabrieken in Noord-Amerika en beschikt over een uitgebreid netwerk van terminals. Op grond van zijn expertise groepeert TKI nu onder meer Jupiter Sulphur® (een joint venture met ConocoPhillips), NovaSource® (gewasbescherming), MPR Services en Environmentally Clean Systems (joint venture met JET Oil Solutions).
In 1995 nam Tessenderlo Group de activiteiten van Kerley over. Aan de basis is het bedrijf niet veranderd. Het spitst zich nog altijd toe op het oorspronkelijke duurzame model voor de verwerking van zwavel- en ammoniumgassen uit aardolie- en gasprocessen, om deze restgassen om te zetten in producten met een toegevoegde waarde. Door groeikansen te benutten, zowel in welvarende als in economisch moeilijkere periodes, ontstond een cultuur van verantwoordelijkheid en teamwork.
De grootste bestaande eindmarkt is de landbouwsector. TKI bekleedt een leiderspositie op gespecialiseerde meststoffenmarkten in Noord-Amerika en Europa voor grootschalige gewassen zoals maïs, tarwe, alfalfa, aardappelen, suikerbieten en suikerriet, en toepassingen voor droge gebieden. De gespecialiseerde producten zijn toegespitst op toepassingen als rijenteelt, noten, citrus- en fruitbomen,
druiven, sierplanten, gazon en tuinen. De producten zijn uiterst geschikt voor gebruik in sproei- of druppelirrigatie-installaties op plaatsen waar water schaars of gerantsoeneerd is.
TKI sloot langetermijncontracten af met belangrijke partners, zoals ConocoPhillips in hun vestigingen in Oklahoma en Montana. In 2011 verwerkte TKI al 27 jaar lang de waterstofsulfidegassen van ConocoPhillips. TKI breidt zijn aanbod aan zwavel- en thiosulfaatproducten uit van landbouwmarkten naar de industrie, de overheid en de mijnbouw.
TKI heeft nauwe banden met de internationale landbouwmarkten. Het bedrijf oogstte succes met de aankoop van een label en productie-installatie voor metamsodium aan het einde van 1999. TKI legde zich met de oprichting van de businessunit
Kerncijfers
(miljoen EUR)
Omzet over 5 jaar
NovaSource in 2007 dan ook toe op het ontwikkelen en verdelen van gereglementeerde gewasbeschermingsmiddelen. NovaSource is actief op alle gebieden van de gereglementeerde chemiemarkt, zoals landbouw, tuinbouw, grassen, bosbouw, aquacultuur, structurele bestrijding van plagen en biociden. Deze activiteit is ook belast met de selectieve expansie en toevoeging van beproefde merkproductlijnen. Voor TKI was dit een belangrijke groeipool in de afgelopen vijf jaar, met onder andere de overname van productlijnen als Terbacil, Surround® en Linuron®.
TKI blijft via zijn technologie en knowhow aangrenzende markten evalueren en aanboren. Met het bestaande en nieuwe productaanbod blijft TKI openstaan voor opportuniteiten in evoluerende en mature markten.
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Omzet | 270,8 | 231,4 |
| REBITDA | 66,5 | 47,6 |
| REBIT | 56,2 | 37,4 |
| Investeringen* | 8,7 | 17,2 |
* materiële vaste en overige immateriële activa
+40% REBITDA WIJZIGING BIJ VERGELIJKBARE CONSOLIDATIEKRING
Trends en feiten in 2011
TESSENDERLO KERLEY ZETTE IN 2011 STERKE RESULTATEN NEER, EN DAT DANKZIJ GUNSTIGE VOORWAARDEN VOOR DE GEWASSEN EN EEN TOENAME VAN DE VRAAG UIT DE LANDBOUW EN DE INDUSTRIE. ONDANKS DE SLECHTE WEERSOMSTANDIGHEDEN EN LOGISTIEKE FACTOREN WAS ER EEN HOGE BEZETTINGSGRAAD. DE STIJGING VAN DE PRODUCTIE, VERKOOP EN DISTRIBUTIE VLOEIDE VOORT UIT EEN TOENAME VAN DE PRODUCTIECAPACITEIT. BOVENDIEN WERDEN ER ENKELE BELANGRIJKE GROEI-INITIATIEVEN GENOMEN, DIE DE STRATEGISCHE LANGETERMIJNDOELSTELLINGEN VAN TKI ZULLEN ONDERSTEUNEN.
TKI leverde in 2011 een sterke prestatie. Aan de basis lag het engagement om raffinaderijen de noodzakelijke milieuservice te bieden en de niet-aflatende focus op onmisbare plantenvoeding en gewasbeschermingsproducten voor telers.
De substantiële verbeteringen in de productie en verkoop volgden op de toenemende vraag naar de gespecialiseerde meststoffen KTS® (kaliumthiosulfaat), CaTs® (calciumthiosulfaat) en MagThio® (magnesiumthiosulfaat). De stijgende vraag naar graan stuwde de productie naar een recordpeil. De verkoop van de meststof Thio-Sul® (ammoniumthiosulfaat) piekte snel door de seizoensgebonden vraag. De vele uitdagingen in 2011 zorgden voor nog betere resultaten dan het jaar voordien.
De gewasbeschermingsactiviteit NovaSource® liet sterke prestaties optekenen. De productlijn en de markt werden verder uitgebreid
met de Purfresh® zonnefilter om gewassen te beschermen, een product dat in veertig landen werd goedgekeurd. Deze nieuwkomer versterkt de portefeuille van NovaSource, die verder bestaat uit Surround®, Sinbar® en Linuron®, en hij vergroot de aanwezigheid van TKI zowel nationaal als internationaal.
Naast de operationele prestaties werden er een aantal stappen genomen om de groei te ondersteunen. Aan het begin van 2011 kondigde TKI een overeenkomst aan met Gary Williams Energy Corporation voor de bouw van een nieuwe zwavelverwerkingseenheid in hun raffinaderij in Wynnewood (Oklahoma). Op dezelfde site zal TKI bovendien een nieuwe Thio-Sul® productielijn installeren. Daarna volgde de aankondiging dat de bestaande entiteit in Burley (Idaho) zou worden uitgebreid met de productie van Thio-Sul®. Met deze twee
nieuwe entiteiten kan TKI een antwoord bieden op de stijgende marktvraag.
De voltooiing van een extra fabricageshop van Tessenderlo Kerley Services biedt daarenboven ondersteuning voor het ontwerp en de bouw van nieuwe verwerkingseenheden. Samen met deze groei heeft TKI de cultuur, veiligheid en milieuprestaties van alle fabrieken verbeterd. In Phoenix (Arizona) werd een project opgezet voor de bouw van een labo en testlabo voor onderzoek, ontwikkeling en kwaliteitscontrole. Door middel van een joint venture met TKI startte Environmentally Clean Systems (ECS) met een waterzuiveringsinstallatie nabij Myton (Utah). De entiteit van ECS verwerkt en zuivert afvalwater van olievelden, zodat dit opnieuw kan worden gebruikt in andere processen.
DUURZAAMHEID IN DE PRAKTIJK
TKI bleef investeren in de groei van het bedrijf. Tessenderlo Kerley Formulations zag zijn productievolume en omzet toenemen. Ook in de vaardigheden van de werknemers en de werkomstandigheden wordt geïnvesteerd.
Via organische groei en selectieve strategische overnames is TKI goed gepositioneerd om zijn activiteiten verder uit te breiden en te werken aan zijn relatie met trouwe klanten, leveranciers en stakeholders.
In 2011 startte Tessenderlo Kerley met de activiteiten van Environmentally Clean Systems (ECS), een joint venture met Jet Oil Solutions uit het Amerikaanse Myton (Utah). ECS Myton scheidt met olie vervuild water uit de olie-industrie in herbruikbaar water en herbruikbare olie. Bij oliewinning kan het waterverbruik hoog oplopen. Tot wel honderd keer hoger dan de hoeveelheid gewonnen olie. Het hergebruik van dat water verlaagt de watervoetafdruk van oliewinning. Dit is nog meer van betekenis als oliewinning gebeurt in regio's met weinig neerslag.
Van vervuild afvalwater
Tot zuiver, bruikbaar water
Meer info: www.tessenderlo.com/sustainability/
> SCAN DEZE CODE
TESSENDERLO KERLEY MINERALE CHEMIE GELATINE EN AKIOLIS KUNSTSTOF LEIDINGSYSTEMEN EN PROFIELEN ANDERE ACTIVITEITEN
DE OMZET VAN MINERALE CHEMIE STEEG MET 6,9 % TOT 428,1 MILJOEN EURO, ONDANKS LAGERE VOLUMES. DE REBITDA GROEIDE MET 38,6 % TOT 28,6 MILJOEN EURO.
TOEPASSINGEN
Kaliumsulfaat is een meststof die bijzonder geschikt is voor gebruik in droge gebieden en voor erg gevoelige gewassen, zoals bloemen, groenten en fruit. De groep biedt een volledig productgamma aan: standaard, in korrelvorm of volledig vloeibaar. Voederfosfaten worden toegepast in de veevoederindustrie. Het gamma van fosfaatproducten is uiteenlopend zodat Tessenderlo Group de vereiste kwaliteit kan leveren voor alle soorten voedertoepassingen. Door de optimale verteerbaarheid van de veevoederfosfaten is er een perfecte balans mogelijk tussen de groei van het dier en respect voor het milieu.
Activiteiten en producten
- TOONAANGEVENDE PRODUCENT VAN MINERALE VEEVOEDERFOSFATEN VOOR DE VOEDINGSBEHOEFTEN VAN VEE, VARKENS, PLUIMVEE EN WATERCULTUUR
- LEVERANCIER VAN GESPECIALISEERDE VOEDINGSINGREDIENTEN
- HOOGWAARDIGE OPLOSBARE MESTSTOFFEN DIE INSPELEN OP DE VRAAG VAN DE MODERNE LANDBOUW OM DE DOELTREFFENDHEID, DE OPBRENGST EN KWALITEIT VAN HOOGWAARDIGE GEWASSEN TE VERHOGEN
Het segment Minerale chemie levert hoofdzakelijk producten aan eindgebruikers op de landbouwmarkt. Bij Tessenderlo Group bestaat Minerale chemie uit twee hoofdactiviteiten: kaliumsulfaatmeststoffen en minerale veevoederfosfaten. Beide activiteiten spelen een grote rol in de uitdaging om een groeiende wereldbevolking met evoluerende eetgewoonten te voeden.
Kaliumsulfaat (K2SO4), ook gekend als potassiumsulfaat
(SOP) is, wereldwijd, de populairste kaliummeststof met een laag chloorgehalte. Het is uiterst geschikt voor droge gebieden en voor sterk gevoelige gewassen zoals bloemen, groenten en fruit. Tessenderlo Group is 's werelds tweede grootste leverancier van kaliumsulfaat en wereldmarktleider in vloeibare kaliumsulfaten via twee productiesites: een in Noord-Frankrijk en de andere in rechtstreekse verbinding met de haven van Antwerpen, voor een efficiënte logistiek in het kader van de export naar meer dan 80 landen over de hele wereld.
Door de combinatie van kalium en zwavel biedt kaliumsulfaat een hoge concentratie voedingsstoffen die gewassen meteen kunnen opnemen. Kaliumsulfaat bevat ook erg weinig zout, waardoor het in gebieden met een hoog verziltingsrisico van de bodem de voorkeur geniet op andere meststoffen. Kaliumsulfaat verbetert de opbrengst en de kwaliteit van de oogst en maakt gewassen beter bestand tegen droogte, vrieskou, insecten en ziektes. Niet alleen verhoogt kaliumsulfaat de voedingswaarde, de smaak en het uitzicht van het gewas, het beschermt het ook beter tegen beschadiging bij transport en opslag, en maakt het geschikter voor industriële verwerking. Tessenderlo Group vervaardigt kaliumsulfaat in elke vorm: standaard, korrels
(GranuPotasse®) en volledig oplosbaar (SoluPotasse®).
De activiteit minerale veevoederfosfaten behelst zowel het leveren van voederfosfaten als andere gespecialiseerde veevoederingrediënten. Veevoederfosfaten zijn wijdverspreid voor het voederen van vee, varkens, pluimvee en voor watercultuur. Minerale veevoederfosfaten bevatten het vitale minerale element fosfor. Dat is erg belangrijk voor het metabolisme en heeft meer fysiologische functies dan andere elementen. Fosfor draagt bijvoorbeeld bij tot de ontwikkeling en instandhouding van het skeletweefsel (80 % van het fosfor zit in de beenderen) en is belangrijk voor de opname en het transport van energie. Een juiste hoeveelheid fosfor in de voeding is cruciaal voor de gezondheid en een optimale productie van de veestapel.
Aliphos is de afdeling voor voederingrediënten van
Kerncijfers
(miljoen EUR)
Omzet over 5 jaar
Tessenderlo Group en is een van 's werelds grootste producenten van minerale fosfaten voor veevoeder. Het heeft een volledig assortiment voederfosfaten en voederingrediënten voor een optimale dierenvoeding. Aliphos biedt veevoederproducenten een veilige en erg goed opneembare bron van fosfor met een consistente en nauwkeurige voedingswaarde en een hoge zuiverheidsgraad die volledig gecontroleerd wordt en traceerbaar is.
Het gamma van Aliphos wordt geproduceerd in twee moderne fabrieken met ISO 9002- en GMPattest in België en Nederland. Vanuit deze strategisch gelegen vestigingen met directe toegang tot de havens van Antwerpen en Rotterdam kan de groep op een rendabele manier producten leveren aan klanten in Europa,
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Omzet | 428,1 | 400,7 |
| REBITDA | 28,6 | 20,7 |
| REBIT | 22,9 | 14,3 |
| Investeringen* | 9,8 | 5,5 |
* materiële vaste en overige immateriële activa
+39% REBITDA WIJZIGING BIJ VERGELIJKBARE CONSOLIDATIEKRING
Trends en feiten in 2011
DE LANDBOUWMARKTEN BLEVEN HET IN 2011 WERELDWIJD GOED DOEN, DANKZIJ DE AANHOUDENDE VRAAG NAAR DE PRODUCTIE VAN LEVENSMIDDELEN EN DE GUNSTIGE PRIJZEN VOOR GEWASSEN. VOOR DE KALIUMSULFAATMESTSTOFFEN VAN DE GROEP WAS HET EEN MOEILIJK JAAR. DE MACRO-ECONOMISCHE ONZEKERHEID - VOORAL IN ZUID-EUROPA - EN DE POLITIEKE ONRUST IN HET HELE MIDDELLANDSE ZEEGEBIED HADDEN EEN IMPACT OP DE VRAAG NAAR GESPECIALISEERDE PRODUCTEN. DE VRAAG VANUIT LATIJNS-AMERIKA BEVESTIGDE DAN WEER DAT DEZE REGIO EEN AANTREKKELIJKE MARKT IS. DE VOLUMES VAN MINERALE VEEVOEDERFOSFATEN LAGEN GROTENDEELS IN DE LIJN VAN EEN JAAR GELEDEN. HET HELE SEGMENT ZAG ZIJN WINSTGEVENDHEID FORS VERBETEREN IN VERGELIJKING MET HET VOORGAANDE JAAR.
Latijns-Amerika en Subsaharaans Afrika.
De marktvoorwaarden voor gewassen en dierlijke eiwitten waren in 2011 positief. Voor kwekers en telers was dat een stimulans om ervoor te zorgen dat er voldoende voorraden waren. Toch werd de vraag naar kaliumsulfaatmeststoffen negatief beïnvloed door de onzekere economische context in Europa, door de druk op de Europese groentetelers na de uitbraak van de E.coli-bacterie in de eerste helft van het jaar en de politieke ontreddering in grote delen van Noord-Afrika en het Midden-Oosten.
Tessenderlo Group bleef profiteren van zijn marktleiderschap in hoogwaardige kaliumsulfaatmeststoffen in oplosbare vorm en in korrelvorm. Door de vraag naar gewasgebonden producten konden beide varianten sneller groeien dan de reguliere markt voor meststoffen.
Ook de overheidssteun voor waterprojecten in Noord-Afrika, het Midden-Oosten, India en Latijns-Amerika bleef de vraag naar de bemestingsproducten van de groep aanwakkeren. In gebieden waar landbouwgrond en water schaars zijn, biedt de efficiëntie van de gespecialiseerde vloeibare meststoffen van Tessenderlo Group een bijkomend voordeel.
De Europese vraag naar minerale veevoederfosfaten daalde lichtjes in 2011, een evolutie die in de lijn ligt van de tendens van de voorbije jaren. In Europa blijft de vraag naar varkensvoeder afnemen, maar dat wordt grotendeels gecompenseerd door een toenemende vraag naar voederingrediënten voor pluimvee, melkvee en aquacultuur. In de eerste helft van het jaar was er gedurende enkele maanden slechts een sporadische bevoor rading van grondstoffen. Dat bracht de levering aan eindklanten deels in het gedrang. De volumes van Aliphos evolueerden in lijn met de algemene markt.
Aliphos zette de succesvolle uitbouw van zijn activiteiten op groeimarkten buiten Europa voort. Zo boekte het in 2011 een
DUURZAAMHEID IN DE PRAKTIJK
In 2011 bracht Minerale chemie K-Leaf™ op de markt. K-Leaf™ is een speciaal ontwikkelde kaliumsulfaatmeststof (SOP) die wordt opgenomen via het blad. Dit product is niet alleen kosteneffi ciënt voor landbouwers. Het zorgt ook voor een grotere opbrengst in vergelijking met bodemmeststoffen. Tests op het veld tonen een grotere oogst voor aardappelen, tarwe, suikerbieten en sojabonen. Bemesting -met K-Leaf™ via het blad zorgt er bovendien voor dat planten het kalium dat van nature in de bodem aanwezig is, beter benutten. Daardoor stijgt de opbrengst.
Meer info: www.tessenderlo.com/sustainability/
> SCAN DEZE CODE
mooie vooruitgang in Noord-Afrika, het Midden-Oosten en Noord-Amerika. In vergelijking met de volumes die het in Europa verkoopt, vertegenwoordigen deze markten een kleiner deel van de totale volumes. De stijging van de wereldwijde behoefte aan eiwitten stimuleert echter de groei van de vleesproductie en dus ook de nood aan dierenvoeding. Aliphos blijft zich consequent focussen op het benutten van deze groeikansen om zo zijn leidinggevende positie in Europa aan te vullen. Wereldwijd werden de lagere volumes in Europa grotendeels gecompenseerd door een sterke groei buiten Europa.
TESSENDERLO KERLEY MINERALE CHEMIE GELATINE EN AKIOLIS KUNSTSTOF LEIDINGSYSTEMEN EN PROFIELEN ANDERE ACTIVITEITEN
DE OMZET VAN GELATINE EN AKIOLIS STEEG MET 15,7 % TOT 475,4 MILJOEN EURO. DE REBITDA BEDROEG 66,4 MILJOEN EURO, OF EEN STIJGING MET 8,5 %.
TOEPASSINGEN
De gelatineactiviteit produceert hoogwaardige gelatines en hydrolysaten uit runder- en varkenshuiden en varkensbeenderen voor gebruik in voeding, farmacie, fotografi e en technische toepassingen. Gelatine is een gezuiverd eiwit dat geproduceerd wordt door selectieve hydrolyse van collageen, het belangrijkste organische bestanddeel van beenderen en huiden van zoogdieren. Het bevat geen additieven of bewaarmiddelen en is hypoallergeen. Gelatine bevat geen cholesterol, vet of koolhydraten. Het wordt ook toegepast in speciale voeding voor diabetespatiënten en in producten met een lage glycemische index. Akiolis levert zowel hernieuwbare biobrandstoffen, zoals vleesmeel en dierlijke vetten, voor de productie van cement, energie en groene elektriciteit, als ingrediënten voor voeding en technische toepassingen, zoals dierlijke vetten en eiwitten, gehydroliseerde eiwitten en beendermineralen, voor dierenvoeding, producten van de lipochemie, visvoer, dierenvoeding, biomeststoffen en hernieuwbare energie.
Activiteiten en producten
- VERWERKING VAN BIJPRODUCTEN VAN DE VLEESINDUSTRIE TOT HOOGWAARDIGE GELATINE VOOR GEBRUIK IN VOEDING EN IN DE FARMA
- VERWERKING VAN BIORESTSTOFFEN TOT HOOGWAARDIGE INGREDIENTEN VOOR GEBRUIK IN DIVERSE TOEPASSINGEN, ZOALS BIOBRANDSTOF, DIERENVOEDING, MESTSTOFFEN EN GELATINE
Gelatine
Gelatine is een gezuiverd eiwit. Het wordt geproduceerd door selectieve hydrolyse van collageen, het belangrijkste bestanddeel van de beenderen en de huid van zoogdieren. Het wordt geclassificeerd als voedingsingrediënt en is een van de meest veelzijdige en multifunctionele ingrediënten voor de commerciële productie van voeding. Bovendien bevat gelatine geen additieven of bewaarmiddelen en is het hypoallergeen.
Tessenderlo Group is wereldwijd de derde grootste leverancier van gelatines. De groep levert een volledig assortiment van hoogwaardige gelatines en collageenhydrolysaten vanuit acht productiesites in Azië, Europa en Noord- en Zuid-Amerika. In 2011 opende de groep twee nieuwe fabrieken in Brazilië en China.
Gelatine beschikt over unieke eigenschappen voor toepassing in voeding, de farmaceutische industrie, gezondheid & voeding, petfood en fotografie. Ongeveer twee derde van de gelatine wordt verkocht aan de voedingsindustrie. Die wendt de eigenschappen van gelatine aan voor gelatinering, indikking, stabilisering, emulgering, binding en aëratie. Typische toepassingen zijn snoepgoed, zuivelproducten en -desserten, gelatinedesserten en zoute producten.
Gelatine is erg geschikt om buigzame of harde folie mee te vervaardigen en heeft kwaliteiten als bindmiddel. Daarom wordt gelatine beschouwd als een van de meest veelzijdige grondstoffen in de farmaceutische sector. Het wordt er gebruikt voor harde of zachte capsules, tabletten, emulsies en verschillende andere farmaceutische en medische producten.
Gelatine is een gezond product. Het is een belangrijke bron van eiwitten en het bevat bovendien geen cholesterol, vet of koolhydraten. Daarom vormen collageenhydrolysaten - verkregen door enzymatische hydrolyse van collageenrijke substanties - vaak een bestanddeel van voedingssupplementen, energie- of sportvoeding en energie- of sportdranken. Collageenhydrolysaten worden gebruikt voor de behandeling van artritis en osteoporose en om gewrichten en beenderen in vorm te houden.
Het wordt ook toegepast in speciale voeding voor diabetespatiënten en in producten met een lage glycemische index. Gelatine dient bovendien voor microencapsulatie van smaken, kleuren en vitamines en voor het klaren van wijnen en fruitsappen.
Akiolis
Via de Franse
dochteronderneming Akiolis speelt Tessenderlo Group een belangrijke rol bij de inzameling en verwerking van organische bijproducten afkomstig uit de voedselketen. Door overnames is Akiolis geleidelijk uitgegroeid tot de nummer twee op de Franse markt. Het is de derde grootste Europese speler. De ophaalactiviteiten vinden plaats in Frankrijk, terwijl de meeste downstreamproducten buiten Frankrijk verkocht worden. Akiolis geeft een meerwaarde aan de opgehaalde producten door ze om te zetten in kwalitatief hoogstaande ingrediënten voor diverse industrieën en in hernieuwbare biobrandstoffen. De volledige traceerbaarheid van de ophaling tot de levering aan de klant wordt daarbij bewaakt.
De activiteiten zijn verdeeld over drie complementaire pijlers:
Atemax spitst zich toe op milieuactiviteiten en verzorgt de ophaling en verwerking van organisch risicoafval bij landbouwbedrijven (voornamelijk runderen, varkens en pluimvee), vleesverwerkers (slachterijen, versnijderijen, slagers) en industriële voedingsbedrijven en overheden. Het helpt zijn klanten om te voldoen aan de strenge sanitaire normen en het zorgt ervoor dat risicoafval van de voedselketen wordt gescheiden. Op basis van deze opgehaalde
grondstoffen produceert Atemax biobrandstoffen (dierlijke vetten en vleesmeel). Die worden gebruikt als alternatief voor fossiele brandstoffen of om warmte en elektriciteit te generen.
Soleval maakt kwaliteitsproducten op basis van dierlijke ingrediënten voor diverse sectoren. De dierlijke grondstoffen zijn altijd bijproducten van gezonde dieren, bestemd voor consumptie en afkomstig van de vleesindustrie of haar distributieketens. Op basis van deze grondstoffen produceert Soleval ingrediënten met een hoge voedingswaarde en een hoge energetische en landbouwkundige waarde, zoals:
- beenderen voor de extractie van gelatines;
- gedehydrateerde dierlijke proteïnen en vetten voor gebruik in de petfoodindustrie;
- dierlijke vetstoffen voor de zeepindustrie en de lipochemie;
- gedehydrateerde dierlijke proteïnen en gehydrolyseerde proteïnen voor (organische) meststoffen;
- gedehydrateerde proteïnen en dierlijke vetten als biobrandstof voor de productie van warmte en elektriciteit.
Binnen zijn derde pijler - Ontwikkeling - groepeert Akiolis de activiteiten met nieuwe grondstoffen en nieuwe processen op basis van organische bijproducten en reststoffen uit de voedingssector. Zo verzamelt Akiolis:
• gebruikte plantaardige oliën afkomstig van restaurants,
distributieketens, inzamelcentra en de veevoederindustrieonder de merknaam Oleovia. De gebruikte oliën worden gezuiverd en zijn bestemd voor de productie van biobrandstoffen;
- bijproducten op basis van graangewassen uit de voedingsindustrie. Deze gedroogde grondstoffen zijn rijk aan suikers en proteïnen. Ze worden gebruikt bij de aanmaak van veevoeders;
- fermenteerbare reststoffen uit de voedings- en distributiesector. Ze worden gemethaniseerd en/of gecomposteerd, waarna ze kunnen dienen voor de productie van energie en organische meststoffen (in samenwerking met verschillende operatoren).
Trends en feiten in 2011
DE RESULTATEN VAN GELATINE LAGEN VOOR 2011 VEEL HOGER DAN VORIG JAAR. DE VRAAG NAAR GELATINE BLEEF GROOT EN DE PRIJZEN STEGEN OM DE DUURDERE GRONDSTOFFEN DOOR TE REKENEN. IN 2011 KWAMEN ER OOK TWEE NIEUWE PRODUCTIESITES BIJ: DE EERSTE FABRIEK VAN DE GROEP IN BRAZILIE EN DE TWEEDE JOINT VENTURE IN CHINA, WAARIN DE GROEP EEN MEERDERHEIDSPARTICIPATIE HEEFT. MET DE ACTIVITEITEN SOLEVAL EN ATEMAX BLEEF AKIOLIS IN 2011 OP KOERS. BOVENDIEN WERD ER VOORUITGANG GEBOEKT DOOR NIEUWE ONTWIKKELINGSKANSEN IN DE OPHALING VAN NIET-DIERLIJK ORGANISCH MATERIAAL UIT DE VOEDSELKETEN EN DOOR EEN UITBREIDING VAN HET GAMMA AFGEWERKTE PRODUCTEN.
Gelatine
De grote vraag naar gelatine en collageenhydrolysaten hield het hele jaar wereldwijd stand. In opkomende economieën als China, Brazilië en Argentinië werd een sterke groei genoteerd. Over heel de wereld wordt de groei van het marktvolume geschat op 3 tot 4 % per jaar. Dat wordt onderbouwd door een aantal blijvende ontwikkelingen:
- In de opkomende economieën bleven de gezondheidszorg en de diëten positief evolueren door een verdere stijging van de levensstandaard. De gelatineactiviteit van de groep profiteerde van deze langetermijntrend dankzij haar fysieke aanwezigheid in China en Argentinië.
- De langetermijntrend van een vergrijzende bevolking uit zich in een stijgende vraag naar farmaceutische producten en gezondheids- en voedingsproducten.
- Op westerse markten is er een stijgende vraag naar nieuwe
en meer gesofisticeerde producten, zoals hydrolysaten, voor toepassingen in de gezondheidszorg en de voedingsindustrie.
Hoewel de vraag in 2011 structureel positief bleef, werd de sector geconfronteerd met een tekort aan kritische grondstoffen, voornamelijk runderhuiden in Latijns-Amerika. Daarom leverde de groep in 2011 heel wat inspanningen om zich te verzekeren van voldoende grondstoffen om haar klanten van gelatine te voorzien.
In de snelgroeiende regio's Brazilië en China kwamen er twee nieuwe productie-eenheden bij. Beide entiteiten waren operationeel tegen het einde van het jaar en zullen hun capaciteit in 2012 geleidelijk opdrijven.
Gezien de groeikansen en de extra productiecapaciteit versterkte de gelatineactiviteit haar distributienetwerk en
breidde ze haar verkoopteam uit in Latijns-Amerika en Azië-Pacific.
In de loop van het jaar leverde de gelatineactiviteit ook inspanningen om de uitvoering van haar strategie te ondersteunen. Zo vond er een belangrijke HR-oefening plaats in het kader van talent resource planning. Die moet ervoor zorgen dat de business unit van zowel vandaag als morgen genoeg medewerkers én de juiste medewerkers aantrekt. De plannen werden ontwikkeld in 2011 en worden vanaf 2012 uitgevoerd.
Ook andere organisatorische maatregelen staan gepland. Zo werd aan het einde van 2011 een nieuw onderzoeks- en ontwikkelingsmodel afgerond. Dat moet in januari 2012 van start gaan met de duidelijke doelstelling om meer waarde voor de klanten te creëren. Daarnaast werden er plannen uitgestippeld om wereldwijd operational
Kerncijfers
(miljoen EUR)
Omzet over 5 jaar
excellence te stimuleren, met uitvoering in 2012.
Bovendien werden er inspanningen geleverd om waarde te creëren met kwaliteitsprogramma's over de hele wereld, om de hoogste normen inzake productkwaliteit en naleving van de regelgeving te garanderen. Daardoor kregen drie sites in 2011 voor het eerst een ISO 22000-certificaat. Dat brengt het totale aantal gecertificeerde sites op vijf. Het bedrijf onderging ook met succes de audits die werden uitgevoerd door zijn veeleisende en wereldwijd opererende klanten.
Akiolis
Op de upstreammarkten hielden de volumes die Akiolis ophaalde stand. Voor alle activiteiten samen leverde dat voldoende business en winstgevendheid op, vooral in de eerste negen maanden. Het laatste kwartaal van 2011 verliep moeizamer, doordat de activiteit in de slachthuizen daalde.
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Omzet | 475,4 | 410,8 |
| REBITDA | 66,4 | 61,2 |
| REBIT | 37,3 | 31,8 |
| Investeringen* | 45,9 | 48,0 |
* materiële vaste en overige immateriële activa
+9% REBITDA WIJZIGING BIJ VERGELIJKBARE CONSOLIDATIEKRING Downstream ging Akiolis verder met zijn strategie om de toegevoegde waarde van zijn afgewerkte producten te verhogen, vooral voor petfood en meststoffen. Die konden profiteren van een nieuwe marktregulering. De vetprijzen stegen door de hogere energie- en olieprijzen. Ook de proteïneprijzen bleven hoog door de aanhoudende stijging van de supply range.
Deze verbeteringen op de downstreammarkten leverden Akiolis winst op. Het kon een groot deel van de toegevoegde waarde delen met zijn upstreamklanten en het aanbod van zijn ophaalactiviteiten verzekeren.
Atemax heeft in 2011 heel wat nieuwe tools in gebruik genomen. Er kwam een nieuwe website, zodat het voor fokkers gemakkelijker werd om een ophaalaanvraag in te dienen. Alle voertuigen die bestemd zijn om vee op te halen, werden uitgerust met een boordcomputer. Zo worden alle landbouwbedrijven geografisch gelokaliseerd en worden trajecten geoptimaliseerd op basis van criteria zoals wettelijke termijnen, werktijden, gewicht en afstanden. Deze innovaties leidden tot een daling van het aantal afgelegde kilometers, van de logistieke kosten en van de CO2 -uitstoot. Klanten worden ook sneller bediend.
Voor Soleval heeft Akiolis zijn activiteiten opnieuw toegespitst op het creëren van waarde voor
de downstreammarkten. De 'natte' petfoodactiviteit - een te verwaarlozen deel van de opgehaalde volumes - werd overgebracht om de activiteit op de 'droge' petfoodmarkt te versterken, en dat met een geschatte jaargroei van wel 5 %. Er gebeurden grote investeringen in nieuwe productielijnen voor enkele ingrediënten en om de voedingswaarde en aantrekkingskracht van de geproduceerde ingrediënten te verbeteren. De investeringen hebben betrekking op kippen, eenden en pluimveebloed. Tegelijk vonden er onderzoeksen ontwikkelingsprojecten plaats met klanten. Het onderzoeksen ontwikkelingscentrum van Tessenderlo Group ondersteunt de voortdurende uitbreiding van het gamma aan dierlijke vetten en eiwitten.
Ook op het gebied van ontwikkelingen werd er vooruitgang geboekt in 2011. Akiolis zette zijn strategie op niet-dierlijke organische markten voort en bevestigde zijn rol in de productie van hernieuwbare energie (biobrandstoffen, biogassen) en organische meststoffen. Dit ligt in de lijn van de doelstellingen van Tessenderlo Group op het vlak van duurzame ontwikkeling.
Met Promic, een Spaans bedrijf gespecialiseerd in het ophalen en verwerken van bijproducten van granen uit de voedingsindustrie, kwam een joint venture tot stand. Het nieuwe bedrijf, Apeval, wil uitgroeien tot marktleider in Frankrijk via ophaalactiviteiten in
het hele land en met de opstart van een verwerkingseenheid aan het einde van 2012. Het wordt de eerste in zijn soort in Frankrijk.
Op het vlak van fermenteerbaar afval (organische nietvleesproducten) bleef Akiolis zijn dienstenaanbod verder uitbreiden naar de kleinhandel en restaurants, overeenkomstig de bepalingen van de Grenelle Environnement (http://www. legrenelle-environnement. fr/-Version-anglaise-.html).
Het doel is om deze klanten in heel Frankrijk een betere service te bieden voor verpakte en niet-verpakte materialen. Het organisch afval wordt verwerkt in composteer- en/ of methaniseerbedrijven. Akiolis verwierf expertise in deze processen via industriële partnerships en sloot aan het einde van 2011 een overeenkomst met Metabio Energies, aansluitend op de overeenkomsten van de afgelopen jaren met Ferti NRJ, Fertiker en Violleau.
Akiolis verhoogde ook zijn volume van ingezamelde gebruikte frituurolie met 25 %. Het versterkte zijn landelijke aanwezigheid via externe transacties van de groep en partnerships met lokale ophalers.
Op industrieel vlak (verwerking en ophalingstools) bleef Akiolis investeren om de kwaliteit van zijn sites te behouden, nieuwe producten en oplossingen te ontwikkelen, en de ecologische voetafdruk van zijn sites te verminderen. Zo garandeert het een betere integratie in de lokale omgeving.
Daarnaast werden er belangrijke initiatieven genomen om de veiligheid op het werk en de opleiding van de werknemers te verbeteren. Dat het management voorrang gaf aan veiligheid, wierp zijn vruchten af. Het aantal arbeidsongevallen met verzuim daalde met 15 %. De bedoeling is om dat aantal in de komende vier jaar nog eens met 50 % terug te dringen.
In dezelfde periode werd gestart met rijopleidingen die chauffeurs bewuster maken, zodat ze op een meer ecologische en veilige manier kunnen rijden. Dit komt zowel hen zelf als andere weggebruikers ten goede.
DUURZAAMHEID IN DE PRAKTIJK
Het bedrijfssegment Gelatine werkt vaak samen met potentiële leveranciers, zoals huidverwerkers en slachthuizen om elementen van zijn kwaliteitsbeheer en de naleving van de regelgeving te verbeteren. Het resultaat van deze gezamenlijke ontwikkelingen is vaak dat bijproducten van leveranciers niet langer gaan naar een waardeketen van lagere kwaliteit, maar als grondstof voor gelatine kunnen worden gebruikt. Dit beter hergebruik ('upcycling' of hoogwaardige recyclage) van eiwitbronnen creëert waarde voor zowel de leverancier als voor de bedrijfsactiviteit Gelatine. Bovendien kan Gelatine ook samenwerken met een lokale leverancier wat leidt tot een kleinere logistieke voetafdruk.
Meer info: www.tessenderlo.com/sustainability/
> SCAN DEZE CODE
TESSENDERLO KERLEY MINERALE CHEMIE GELATINE EN AKIOLIS KUNSTSTOF LEIDINGSYSTEMEN EN PROFIELEN ANDERE ACTIVITEITEN
DE OMZET VAN KUNSTSTOF LEIDINGSYSTEMEN EN PROFIELEN STEEG MET 3,8 % TOT 569,1 MILJOEN EURO. DE REBITDA KWAM UIT OP 44,1 MILJOEN EURO, OF 2,0 % MEER DAN IN 2010.
TOEPASSINGEN
De activiteit Kunststof leidingsystemen produceert buizen en hulpstukken voor de aan- en afvoer van water, en leidingsystemen voor onder meer gas en telecommunicatie. De grondstoffen zijn pvc, polyethyleen en polypropyleen. De activiteit Profi elen levert systemen voor binnen- en buitenafwerking, pvc-Uprofi elen voor ramen en deuren, onderdelen voor veranda's en pvc-UEschuimprofi elen die gebruikt worden voor dak- en gevelbekleding, recyclage van pvc-U-profi elen.
Activiteiten en producten
- LEIDINGEN EN HULPSTUKKEN VOOR AAN- EN AFVOER VAN WATER EN STORMWATERBEHEER
- HOOGWAARDIGE DEUR-EN RAAMPROFIELEN IN PVC, PROFIELEN VOOR VERANDA'S, DAKAFWERKING, AFSLUITINGEN, GEVELBEKLEDING, VERANDA'S EN DIVERSE AFWERKINGSPRODUCTEN
Kunststof leidingsystemen
De activiteit Kunststof leidingsystemen (PPS) van Tessenderlo Group ontwikkelt, produceert en verdeelt buizen en hulpstukken voor waterbeheer (bevoorrading, drainage, infiltratie en demping) en leidingsystemen voor onder meer gas en telecommunicatie. De producten zijn zowel bestemd voor nieuwbouw als voor de vervanging van bestaand materiaal. De toepassingen variëren van de burgerlijke bouwkunde tot de bouwsector, de landbouw en de industrie. De activiteit geeft ook technisch advies aan verschillende types klanten, waaronder overheden, installateurs, nutsbedrijven en aannemers van woningen en flatgebouwen. Deze klanten kiezen voor kunststof buizen en hulpstukken die voornamelijk gemaakt zijn van polyvinylchloride (pvc), polyethyleen (PE) en polypropyleen (PP). Ze maken die keuze op basis van bewezen
voordelen, zoals de geschiktheid voor gebruik, de zeer lange levensduur en de almaar grotere mogelijkheid om gerecycleerde grondstoffen te gebruiken. Deze voordelen leiden ertoe dat andere materialen, zoals beton, metaal en klei, consequent worden vervangen. Het resultaat is dat kunststof leidingsystemen vandaag meer dan 50 % van de wereldmarkt vertegenwoordigen.
Kunststof leidingsystemen is actief onder vertrouwde namen als Dyka, John Davidson Pipes, Sotra-Seperef, BT Bautechnik, BTH Fitting en Nyloplast. Het behoort tot de toonaangevende bedrijven in het leveren van kunststof leidingen op maat van de klant. De activiteit heeft strategisch gelegen productiecentra in Nederland, België, Frankrijk, Duitsland, Hongarije en Polen. Daardoor kan het de meeste West- en Centraal-Europese markten bedienen. Een uitgebreid netwerk met meer dan 70 distributiecentra verspreid over zes landen (Nederland, België,
Polen, het Verenigd Koninkrijk, Tsjechië en Roemenië) speelt hierbij een belangrijke rol. Dankzij de sterke aanwezigheid in de distributie en een grondig inzicht in klantenbehoeften kan de activiteit Kunststof leidingen een betere ondersteuning bieden aan haar klanten .
Profielen
De activiteit Profielen groepeert de productie en distributie van een uitgebreid gamma pvcprofielen voor de bouwsector, zoals deur- en raamprofielen, profielen voor omheiningen, gevelbekleding en veranda's, en diverse afwerkingsproducten. Ze heeft fabrieken in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en België. Vanuit de productie-eenheden in België en Frankrijk worden de klanten in Centraal-Europa bevoorraad.
Eurocell is een toonaangevende Britse producent van hoogwaardige harde
Kerncijfers
(miljoen EUR)
Omzet over 5 jaar
pvc-profielen voor ramen, deuren, veranda's en dakafwerking. Eurocell heeft een eigen distributienetwerk met 120 vestigingen voor de verdeling van profielen voor dakafwerking, deuren, veranda's en aanverwante producten voor de bouwsector. De producten van Eurocell worden voornamelijk gebruikt voor renovatiewerken in de privésector, maar ook voor nieuwbouwprojecten zowel in de particuliere als in de publieke sector. Met Merritt Plastics heeft Eurocell ook een recyclageafdeling. Merritt Plastics recupereert zowel oude deur- en raamprofielen als overschotten en afval uit hard pvc van fabrikanten en maakt daar vervolgens nieuwe geëxtrudeerde producten van. In een aantal gevallen worden de producten gemaakt van 100 % gerecycleerd materiaal.
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Omzet | 569,1 | 562,1 |
| REBITDA | 44,1 | 44,8 |
| REBIT | 17,7 | 15,7 |
| Investeringen* | 18,0 | 20,0 |
* materiële vaste en overige immateriële activa
+2% REBITDA WIJZIGING BIJ VERGELIJKBARE CONSOLIDATIEKRING
Trends en feiten in 2011
DE ACTIVITEIT KUNSTSTOF LEIDINGSYSTEMEN LIET IN 2011 EEN GROEI OPTEKENEN TEGENOVER 2010. DIE GROEI VIEL VOORNAMELIJK TOE TE SCHRIJVEN AAN DE OVER HET ALGEMEEN STABIELE VOLUMES EN AAN DE HOGERE VERKOOPPRIJZEN DOOR DUURDERE GRONDSTOFFEN.
Kunststof leidingsystemen
De volumes profiteerden van de weersomstandigheden van het begin en het einde van 2011. Die waren beter dan het jaar voordien, toen de bouwsector hinder ondervond van het strenge winterweer. Afgezien daarvan deden de woning- en bouwmarkten het in 2011 in heel Europa minder goed. De grondstofkosten zetten hun sterke stijging van 2010 door in de eerste helft van 2011. Dat bleef de marges beïnvloeden. In de tweede helft van het jaar matigden de grondstofkosten en namen ze zelfs een beetje af. Over het hele jaar bekeken konden de marges zich niet volledig herstellen op alle markten. In het licht van deze ontwikkelingen bleef het management stappen ondernemen om de kosten onder controle te houden door de distributieactiviteiten in Duitsland
en Slowakije stop te zetten. Deze maatregelen volgden op de sluiting van een productiesite in Frankrijk in 2009. In 2011 zette de Franse activiteit een betere prestatie neer op het gebied van bevoorrading met structureel lagere vaste kosten.
Door de invoering van customer intimacy programs werden de distributieactiviteiten in de loop van het jaar versterkt. Dat bleek een stimulans voor de marges.
In het vierde kwartaal nam het segment Kunststof leidingsystemen BT Bautechnik en BTH Fitting over: een vooraanstaande fabrikant en leverancier van gespecialiseerde verbindingshulpstukken. De overname betekent een aanvulling op de productportefeuille. Ze bracht het aantal spuitgieterijen ook van één naar drie. Deze toename maakt het mogelijk om de productie van de productportefeuille
te rationaliseren over de drie fabrieken. Hogere efficiëntie is daarbij de doelstelling.
In 2011 werd de product- en dienstenportefeuille verder uitgebouwd.
Stormwatermanagement – het beheer van uitzonderlijke waterstromen op straten, velden en andere oppervlakken – werd veel sterker ingebed in de Nederlandse, Britse en Franse organisaties. Daardoor kan er meer aandacht uitgaan naar de 'from roof to river-filosofie'. Deze filosofie is gericht op de combinatie van UV-systemen (Vacurain), infiltratiesystemen, riolerings- en drainagesystemen voor regenwater met consultancy en engineering met betrekking tot deze regenwatersystemen. Deze markt laat gemiddeld een sterkere groei optekenen dan de bouwmarkt.
Apparatuur voor flow control is een belangrijk onderdeel van systemen voor stormwatermanagement. Ze regelt de hoeveelheid regenwater en voorkomt zo overstromingen. In 2011 heeft Tessenderlo Group dit soort apparatuur ontwikkeld. De resultaten van de marktlancering waren veelbelovend. Een nieuw type filter voor infiltratiesystemen om verstopping door zand en ander vuil te voorkomen, werd in 2011 eveneens ontwikkeld en op de markt gebracht. Deze nieuwe producten op het gebied van stormwatermanagement bevestigen de leidende rol van Kunststof leidingsystemen op deze groeimarkt.
In Nederland, Groot-Brittannië, Tsjechië en Frankrijk werd in 2011 ook de spuitgegoten inspectieput Axedo 600 gecommercialiseerd. Verwacht wordt dat deze aanvulling op het bestaande assortiment in de toekomst als
platform zal dienen voor andere diameters.
Naar aanleiding van de gunstige evolutie in de verkoop van biaxiaal georiënteerde buizen werden er in 2011 nieuwe diameters op de markt gebracht. Deze systemen zijn bestand tegen een hogere interne druk dan de standaard pvc-buizen met dezelfde wanddikte. Bovendien is er een trend om traditionele systemen vaker te vervangen door deze nieuwe systemen.
De voorbije jaren werden klantenserviceprogramma's ontwikkeld, zoals warehouse management, elektronische bestellingen en levering van geprefabriceerde leidingsystemen. Door de ingebruikname van SAP in Nederland in 2011 - na België in 2010 - krijgen deze diensten een meer geavanceerde basis om op verder te bouwen.
Profielen
In de profielenactiviteit van de groep boekte Eurocell verdere vooruitgang met de uitvoering van zijn strategie in het VK. Voor de distributie bleef de aandacht uitgaan naar de toename van het aantal vestigingen. In 2011 openden tien nieuwe vestigingen de deuren. Daardoor stond de teller aan het einde van het jaar op 120. Daarnaast werden organisatorische veranderingen doorgevoerd voor meer efficiëntie en een betere klantenservice. Alle extrusie van schuimprofielen werd samengebracht op één productiesite. Het doel is om kosten te verlagen, de productie efficiënter te maken en alle knowhow onder één dak te groeperen vanaf 2012. De opbrengsten bleven statusquo in een markt die in 2011 terrein verloor ten opzichte van 2010. De aantrekkelijke en groeiende distributieactiviteit van Eurocell resulteerde in een
groter marktaandeel. De activiteit dakafwerking, die aan het einde van 2009 werd overgenomen, liet een betere prestatie optekenen in het tweede volledige boekjaar en dat dankzij productverbeteringen en meer nadruk op verkoop en marketing. Ondanks de meer uitdagende omgeving bleef Eurocell een leidende rol spelen in de ontwikkeling van toonaangevende energiezuinige vensteroplossingen die al voldoen aan de vereisten van de Britse bouwsector voor 2016.
Met de investering in Merritt Plastics nam de maximale verwerkingscapaciteit toe tot 12 000 afgedankte profielen per week. Zo kan Eurocell nieuwe producten vervaardigen van gerecycleerd materiaal en klanten een volledig gesloten recyclageproces aanbieden voor maximale duurzaamheid.
Op het Europese vasteland zette Profialis zijn strategische koers voort. Het had daarbij voornamelijk aandacht voor zijn belangrijkste markten in Frankrijk en de Benelux. Na de sluiting van een opslagplaats in Avion (Frankrijk) aan het einde van 2010 optimaliseerde het bedrijf zijn logistieke activiteit om zo zijn belangrijkste markten te bedienen vanuit twee vestigingen: één in België en één in Frankrijk. Daarnaast boekte Profialis grote vooruitgang met zijn assortiment, zodat het begin 2012 zijn driejarige overgangsprogramma in Frankrijk zal afronden. Twee geavanceerde en energiezuinige productreeksen zullen de vijf tot nu toe beschikbare raamprofielreeksen vervangen. Profialis kan nu nieuwe raamsystemen aanbieden die volledig beantwoorden aan de strengste energienormen. Bovendien vereenvoudigde het
programma de operationele werking en zorgde het voor een betere klantenservice, lagere werkingskosten en minder behoefte aan werkkapitaal. De omzet was iets lager dan een jaar eerder. Dat was vooral het gevolg van de afbouw van activiteiten met een kleinere marge in Centraal-Europa.
De winstgevendheid van zowel Eurocell als Profialis werd afgeremd door de duurdere grondstoffenprijzen in de eerste helft van 2011. In de tweede helft van het jaar daalden de prijzen enigszins.
In de tweede helft van 2011 stootte Profielen zijn activiteiten in de Verenigde Staten en Canada af. Voor geen van beide bedrijven kon de groep een leidende marktpositie creëren.
DUURZAAMHEID IN DE PRAKTIJK
Nyloplast, een dochterbedrijf van Kunststof leidingsystemen en Profi elen, ontwikkelde een regenwatergeul die voor 40 % uit gerecycleerde pvc bestaat. Voor zijn productinnovatie, de invoering van het ISO 14001-milieubeheersysteem en enkele andere criteria ontving Nyloplast de award voor Best Initiative on Sustainability van een van zijn grootste klanten. Dyka BV, een andere dochter van PPS, sleepte een bronzen PRIMA-award van de Nederlandse vereniging van de rubber- en kunststofsector in de wacht voor zijn initiatieven op het vlak van duurzaam ondernemen. Vooral de initiatieven rond CO2 -uitstoot, energie en duurzame materialen werden op prijs gesteld. Naast de betrokkenheid bij Nederlandse sectorinitiatieven is PPS ten slotte ook heel actief (als voorzitter, bestuurslid en in diverse werkgroepen) bij de European Plastic Pipe and Fitting Association (TEPPFA) en bij VinylPlus, het engagement van de Europese pvc-industrie voor duurzame ontwikkeling. PPS probeert zo via belangenbehartiging de agenda van duurzaam materiaalbeheer te bevorderen.
Meer info: www.tessenderlo.com/sustainability/
> SCAN DEZE CODE
TESSENDERLO KERLEY MINERALE CHEMIE GELATINE EN AKIOLIS KUNSTSTOF LEIDINGSYSTEMEN EN PROFIELEN ANDERE ACTIVITEITEN
DE OMZET VAN ANDERE ACTIVITEITEN GROEIDE MET 9,5 % ONDER IMPULS VAN COMPOUNDS. DE REBITDA VERDUBBELDE BIJNA, VOORAL DANKZIJ HET STERKE HERSTEL VAN ORGANISCHE CHLOORDERIVATEN EN EEN BETER RESULTAAT VAN FARMA.
TOEPASSINGEN
De Andere activiteiten van de groep leveren producten voor diverse toepassingen, zoals thermoplastische compounds, thermoplastische elastomeren (TPE's) en pvc-compounds, poedercompounds voor slush molding van dashboardbekleding in de automobielsector; benzylchloride, benzaldehyde, chlorotolueen, farmaceutische tussenproducten, actieve farmaceutische ingrediënten; ijzerchloride, sodiumhypochloriet (bleekwater), zoutzuur voor de automobielindustrie, de bouwsector, consumptiegoederen en eindmarkten voor farmaceutica en waterbehandeling.
Activiteiten en producten
- RECUPERATIE VAN BIJPRODUCTEN UIT DE STAALINDUSTRIE OM COAGULANTEN TE PRODUCEREN VOOR WATERBEHANDELING
- CHEMISCHE PRODUCTEN VOOR COATINGS, COSMETICA, AGROCHEMIE EN FARMACEUTICA
- ULTRALICHTE EN HOOGWAARDIGE PVC- EN TPE*- COMPOUNDS VOOR DE AUTOMOBIELINDUSTRIE, DE BOUWSECTOR EN CONSUMPTIEGOEDEREN
- ACTIEVE FARMACEUTISCHE INGREDIENTEN (API) EN ORGANISCHE TUSSENPRODUCTEN, ZOWEL VOOR NIEUWE MOLECULES ALS VOOR DE MARKT VAN GENERISCHE PRODUCTEN
Compounds
De activiteit Compounds produceert diverse gebruiksklare pvc-mengsels en mengsels van thermoplastische elastomeren (TPE). Die zijn hoofdzakelijk bestemd voor de automobielindustrie (airbagdeksels, dashboardhuiden, interieurafwerking en dichtingsystemen), voor consumptiegoederen (handvatten van huishoudtoestellen, balpennen en tandenborstels) en voor de bouwnijverheid (rolluiken, gevelbekleding en raamdichtingen). Tessenderlo Group ontwikkelt compounds die beantwoorden aan de noden van de belangrijkste autoproducenten en hun toeleveranciers. Deze klanten waarderen specifiek de betrouwbare ontwikkeling en levering van hoogwaardige componenten die een grote ontwerpvrijheid bieden en een lager gewicht hebben. Compounds is actief onder de naam CTS (Compound Technology Services). Dat
groepeert Thermoplastiques Cousin-Tessier (Frankrijk), de activiteit van Marvyflo (Frankrijk, België), TCT Polska (Polen) en CTS Automotive Compounds Changshu (China). CTS ontwikkelt producten in samenwerking met de industrie. Ze worden verkocht onder de merknamen Tefabloc®, Tefaprene®, Marvyflo®, Marvylex® en Tefanyl®.
Organische chloorderivaten
De activiteit Organische chloorderivaten levert chemische tussenproducten aan groeiende markten zoals de agrochemie, coatings en de farmaceutische industrie. Deze producten zijn hoofdzakelijk op basis van chlorering van tolueen, met chloor dat de groep deels zelf produceert. De activiteit bouwde een stevige reputatie op als een betrouwbare partner, die haar internationale klanten kan beleveren vanuit twee sites in China en Italië.
Farma
Tessenderlo Group is een bevoorrechte leverancier van tussenproducten en actieve stoffen (API's) voor grote farmaceutische bedrijven, zowel voor merkproducten als voor generische producten. Met drie productiesites, een testeenheid en een afdeling voor onderzoek en ontwikkeling kan de groep inspelen op de behoeften van zijn klanten. Vanaf de ontwikkelingsstadia van een product tot de commercialisering ervan ontwikkelt Tessenderlo Group de synthetische route, het optimalisatieproces en de schaalvergroting en/of technologische overdracht om industriële productie mogelijk te maken. De groep is hoofdzakelijk actief op de Europese en Noord-Amerikaanse markten, zowel voor nieuwe moleculen als voor generische producten.
Waterbehandeling
Kerncijfers
(miljoen EUR)
Omzet over 5 jaar
Tessenderlo Group is de derde grootste leverancier van minerale coagulanten aan Europese waterbehandelingsbedrijven. Deze klanten zijn bedrijven die drinkwater, huishoudelijk water en industrieel afvalwater behandelen.
De groep levert ijzerhoudende zouten die niet alleen helpen om zwevende deeltjes te verwijderen, maar ook om geuren weg te nemen Ze zijn eveneens heel efficiënt voor het verwijderen van fosfor. Bleekwater, een ontsmettingsmiddel, en zoutzuur maken ook deel uit van het productgamma.
Met vestigingen in het noorden van Frankrijk en het oosten van België staat de groep sterk om Frankrijk, de Benelux, Zwitserland, Duitsland en het VK te bedienen. Steden als Parijs, Brussel en Genève vertrouwen op de producten van de groep om hun afvalwater te behandelen.
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Omzet | 382,6 | 419,0 |
| REBITDA | 12,9 | 12,9 |
| REBIT | 2,2 | -0,4 |
| Investeringen* | 17,1 | 23,8 |
* materiële vaste en overige immateriële activa
+95% REBITDA WIJZIGING BIJ VERGELIJKBARE CONSOLIDATIEKRING
Trends en feiten in 2011
HET SEGMENT ANDERE ACTIVITEITEN LIET BEDUIDEND BETERE RESULTATEN OPTEKENEN IN 2011 ONDER IMPULS VAN COMPOUNDS. DEZE ACTIVITEIT KON PROFITEREN VAN HAAR HOOGWAARDIGE EN ULTRALICHTE PRODUCTEN. OM WERELDWIJD DE KLANTEN UIT DE AUTOMOBIELINDUSTRIE TE KUNNEN BEDIENEN, WERD IN CHINA EEN NIEUWE FABRIEK GEBOUWD. DIE WERD OPERATIONEEL AAN HET BEGIN VAN 2012. DE ACTIVITEIT ORGANISCHE CHLOORDERIVATEN WERD BIJNA VOLLEDIG AFGESTOTEN DOOR DE VERKOOP VAN PVC/CHLOOR-ALKALI, DE SUCCESVOLLE UITSTAP VAN DE GROEP UIT COMMODITIES. VOOR FARMA WAS 2011 EEN POSITIEF JAAR IN VERGELIJKING MET 2010 OP HET VLAK VAN PRODUCTIE EN VERKOOP VAN ACTIEVE INGREDIËNTEN. TOCH BLEEF DE VRAAG NAAR TUSSENPRODUCTEN ONDER DE VERWACHTINGEN. IN EEN GROEIENDE MARKT BLEEF DE GROEP ZIJN POSITIE OP HET VLAK VAN WATERBEHANDELING IN WEST-EUROPA VERDER VERSTERKEN.
Compounds
De verkoopvolumes namen opnieuw toe in 2011. Dat viel grotendeels toe te schrijven aan de bijzonder sterke prestatie op de eindmarkt voor autoonderdelen. Daar bleef het aandeel van hoogwaardige gespecialiseerde producten stijgen. Deze groei was te danken aan de wereldwijde groei in de autoproductie en aan een stijging van het marktaandeel. De dure grondstoffen zetten de marges onder druk in de eerste helft van het jaar. Daardoor viel de winstgevendheid voor het volledige jaar lager uit dan verwacht.
Tessenderlo Group deed opnieuw grote inspanningen om klanten
uit de automobielindustrie gespecialiseerde producten te leveren. In twee belangrijke strategische segmenten groeide de groep: dichtingen en dashboardhuiden. De technologie van Tessenderlo Group wint terrein tegenover andere concurrerende polymeertoepassingen. De sterke positie bij Duitse fabrikanten van originele uitrusting (OEM's) maakte een sterke groei mogelijk, ondanks een globaal slabakkende West-Europese markt. Door de grote vraag van klanten naar duurzamere producten werd gestart met een onderzoeksen ontwikkelingsprogramma. Het doel is om nog lichtere dashboardhuiden te creëren die het brandstofverbruik van auto's helpen verminderen.
In andere sectoren was er een negatieve impact door een grote blootstelling aan de bouwnijverheid. Er werden echter nieuwe marktsegmenten aangeboord. Een voorbeeld: de ontwikkeling van een compound voor een 'groene' schoen waarbij poeder van oesterschelpen niet-hernieuwbare grondstoffen vervangt.
In Centraal-Europa ontwikkelde de activiteit zich verder in de eindmarkten van de bouwsector en de consumptiegoederen en in de automobielmarkten. De bouw van de compoundsfabriek in China was in 2011 een van de belangrijkste aandachtspunten. Deze fabriek zal de Aziatische automobielindustrie bedienen en dan vooral China, het land
DUURZAAMHEID IN DE PRAKTIJK
Compound Technology Services (CTS) ontwikkelde een nieuw gamma compounds onder de naam Green Tefabloc™. Het gaat om een combinatie van biologische producten, zoals zetmeelderivaten of poeder van oesterschelpen, met (nieuwe of gerecycleerde) thermoplastische grondstoffen. Deze aanpak vermindert de behoefte aan grondstoffen voor kunststof op basis van fossiele brandstoffen of zuivere materialen in het algemeen. Er worden biologische grondstoffen gebruikt die lokaal beschikbaar zijn. Daarnaast worden nieuwe R&D-programma's uitgevoerd om ultralichte compounds te produceren in nauwe samenwerking met de klanten. Deze nieuwe compounds verlagen het brandstofverbruik. Beide voorbeelden tonen aan hoe een succesvolle bedrijfsstrategie het inspelen op de behoeften van de klant perfect kan combineren met het runnen van een gezond bedrijf en het aanpakken van belangrijke duurzame thema's.
wereld. De verkoop is er nu al vrij sterk ontwikkeld. Het bedrijf is klaar om met de activiteiten te starten. De productietests voor de goedkeuring van de klant waren gepland in februari 2012.
met de grootste automarkt in de
De verkoop in de VS kreeg een boost door de start van de uitvoer van een groot volume van Marvyflo compounds naar dashboardfabrikanten. Deze technologie wint terrein en biedt dus goede perspectieven voor Tessenderlo Group.
Organische chloorderivaten
De succesvolle uitstap van de groep uit commodities via de verkoop van Pvc/Chlooralkali impliceerde de verkoop van de chloreringsfabriek in Tessenderlo (België) en de benzylalcoholfabriek in Maastricht (Nederland). In het begin van het jaar verkocht de groep ook zijn
Meer info: www.tessenderlo.com/sustainability/
> SCAN DEZE CODE
geur- en smaakstoffenactiviteit in het VK. De stijgende vraag naar chloorderivaten afkomstig van de Italiaanse fabriek van de groep, zorgde voor een verbetering van de marges, vooral in de tweede helft van het jaar. De ontwikkeling van hogere chloorderivaten optimaliseerde de benutting van de elektrolyse-eenheid en de waterkrachtcentrale, die in 2010 werd gemoderniseerd. De activiteit ortho-chloroderivaten in de fabriek in Tessenderlo behoorde tot de activiteiten die in augustus 2011 werden verkocht. Tessenderlo Group stemde ermee in om de nieuwe eigenaars een belangrijk tussenproduct te blijven leveren.
De OCD-activiteit van Tessenderlo Group in China bleef profiteren van zijn marktleiderspositie als leverancier van benzylchloride. De algemene stijging van de industriële capaciteit voor benzylchloride op het Chinese vasteland zette de marges onder druk. Toch bleef de Chinese activiteit winstgevend. De consequente aandacht van de groep voor kwaliteitsnormen en milieunormen versterkte zijn positie als een van de meest betrouwbare leveranciers.
Farma
In 2011 deed de verkoop van actieve farmaceutische ingrediënten het erg goed. Bij de tussenproducten, hoewel de activiteit op een lager peil stond dan verwacht, zorgden initiatieven op andere markten dan de farmaceutische voor
enkele nieuwe projecten. In 2011 startte een eerste productie op kleine schaal. Zowel voor API's als voor tussenproducten wordt de productportefeuille in ontwikkeling almaar belangrijker. Het potentieel van deze projecten ligt in de lijn van de groeiverwachtingen van de businessunit. Net als in 2010 bleef de activiteit inspanningen leveren om het gamma aan technologische oplossingen, zoals specifieke enzymatische katalyse en synthese op lage temperatuur, verder uit te breiden.
Alle sites zijn onderworpen aan strenge kwaliteits-, veiligheidsen milieueisen en worden regelmatig gecontroleerd door lokale overheden en klanten. Na een succesvolle audit in Italië door de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) in 2010, werd in 2011 ook de Franse fabriek met succes gecontroleerd door de FDA.
Het herstructureringsplan voor de Franse fabriek werd afgerond in april 2011.
Waterbehandeling
Door de desinvestering van Pvc/Chloor-alkali in 2011 werd Waterbehandeling een aparte businessunit. Zo onderstreept de groep zijn intentie om deze activiteit verder uit te bouwen. De positie van de groep in waterbehandeling is gestoeld op een leiderschapspositie op het vlak van kosten, zowel voor de productie als voor logistieke oplossingen voor klanten. Chloor wordt
voornamelijk intern gewonnen. De resterende hoeveelheid wordt verkregen via langlopende leveringscontracten die op lange termijn een concurrentievoordeel garanderen. Een andere cruciale grondstof is ijzer. Voor deze grondstof werd er gewerkt aan meer diversificatie om minder invloed te ondervinden bij sterke schommelingen op de ijzeroxidemarkt. De groep wil de hoeveelheid ijzer dat als bijproduct van andere industriële activiteiten ontstaat vergroten. Via enkele kleinere investeringen werd de bottleneck in de bestaande productiecapaciteit weggewerkt. Daardoor wordt de activiteit minder afhankelijk van leveringen van derden in periodes met een piekende vraag vanuit de waterbehandelingsfabrieken. De extra capaciteit zal ook worden ingezet om de aanwezigheid van de groep op de belangrijke Britse markt te vergroten. Om het service level op deze markt verder te verbeteren, kreeg het verkoopteam versterking en werkte de activiteit een logistieke oplossing uit voor directe levering aan klanten en voor een grotere betrouwbaarheid. Globaal genomen werden cruciale stappen gezet om de groeiplannen van de groep in het Verenigd Koninkrijk te verwezenlijken. De activiteit leverde inspanningen om de kwaliteit en de service te verbeteren. Die inspanningen kregen erkenning met de vernieuwing van diverse langetermijncontracten met grote klanten.
Jaarverslag van de raad van bestuur
WE TRANSFORMEREN OMDAT WE VOORUITGANG BOEKEN IN ONS STRATEGISCH PLAN
Dit hoofdstuk omvat (i) het volledige geconsolideerde jaarverslag voor het boekjaar dat afliep op 31 december 2011, opgesteld overeenkomstig artikel 119 van het Belgische Wetboek van vennootschappen, en (ii) alle informatie over het enkelvoudige jaarverslag voor het boekjaar dat afliep op 31 december 2011, opgesteld overeenkomstig artikel 96 van het Belgische Wetboek* van vennootschappen dat in het bijzonder van belang is voor houders van effecten en voor het publiek in het algemeen.
Het geconsolideerde jaarverslag en het enkelvoudige jaarverslag werden goedgekeurd door de raad van bestuur op 28 maart 2012.
Een kopie van het volledige enkelvoudige jaarverslag is op eenvoudig verzoek verkrijgbaar of kan worden gedownload op de website van het bedrijf.
Bedrijfsgroei
Tenzij anders vermeld, zijn alle commentaren in dit hoofdstuk over bedrijfsgroei gebaseerd op de voortgezette bedrijfsactiviteiten van Tessenderlo Group bij een vergelijkbare consolidatiekring, dat wil zeggen aangepast aan de impact van de entiteiten die in de loop van 2011 werden verworven of verkocht.
Prestaties van de groep
De jaaromzet van 2011 uit voortgezette bedrijfsactiviteiten steeg met 9,6 % tot 2,1 miljard euro. De vijf rapporterende segmenten boekten een hogere omzet in 2011. Zowel Tessenderlo Kerley als Gelatine en Akiolis liet een groei met twee cijfers optekenen: respectievelijk 17,0 % en 15,7 %. Andere activiteiten steeg met 9,5 % en Minerale chemie met 6,9 %. Voor Kunststof leidingsystemen en Profielen lag de omzet 3,8 % hoger dan een jaar geleden.
De REBITDA uit voortgezette activiteiten op niveau van de groep nam in 2011 sterk toe tot 187,0 miljoen euro: een stijging met 20,6 %. Elk rapporterend segment overtrof in 2011 zijn REBITDA van 2010. Zowel Tessenderlo Kerley als Minerale chemie steeg met bijna 40 % op een jaar tijd: respectievelijk 39,6 % en 38,6 %. Het segment Andere activiteiten zette met een stijging van 94,9 % een veel beter resultaat neer dan vorig jaar. Gelatine en Akiolis klommen 8,5 %. De REBITDA van Kunststof leidingsystemen en Profielen bedroeg 2,0 % meer dan in 2010.
De kasstromen uit bedrijfsactiviteiten liepen in totaal op tot -48,6 miljoen euro in 2011 (volledig jaar 2010: 159,5 miljoen euro). Dit bedrag omvat een eenmalige aanpassing van het bedrijfskapitaal. Die zorgde voor een negatieve impact van 64,0 miljoen euro. De aanpassing hield verband met de verkoop van Pvc/Chloor-alkali en een deel van Organische chloorderivaten aan Ineos ChlorVinyls. Zonder rekening te houden met deze impact nam het vereiste bedrijfskapitaal toe. Dat had deels te maken met een groei van bijna 10 % van
* Vanaf nu vermeld als 'Wetboek van vennootschappen.'
de jaaromzet. Op het einde van december 2011 bedroeg het bedrijfskapitaal als percentage van de omzet 19,8 %. Dat is hoger dan het bijzonder lage peil eind december 2010. Het valt binnen de vooropgestelde marge van 19-20 %. Die marge werd samen met de resultaten van 2010 bekendgemaakt.
Eind december 2011 bedroegen de netto financiële schulden 219,4 miljoen euro. Op het einde van het jaar voordien was dat 162,0 miljoen euro. De leverage ratio kwam eind december 2011 uit op 1,1 x (1,5 x op basis van de notionele nettoschuld). Dat is ongeveer vergelijkbaar met een jaar eerder. De ratio bevestigt ook de sterke financiële positie van de groep. De gearing bedroeg 26,8 % (33,7 % op basis van de notionele nettoschuld) op het einde van december 2011. Dat is een stijging in vergelijking met de 18,3 % (28,1 % op basis van de notionele nettoschuld) - eind december 2010.
Prestaties per bedrijfssegment
De omzet van Tessenderlo Kerley liep in 2011 op tot 270,8 miljoen euro. Dat is 17,0 % meer dan in 2010. Dit resultaat is te danken aan de voortdurende aanmoediging van telers om tegemoet te komen aan de stijgende voedselbehoeften en aan de gunstige voorwaarden voor basisproducten. Ondanks de ongewone weersomstandigheden van vorig jaar zorgde Tessenderlo Kerley ervoor dat klanten meststoffen in voorraad hadden. Zo konden ze die gebruiken zodra de weersomstandigheden dat toelieten. NovaSource® profiteerde van de eerder vermelde gunstige marktomstandigheden en boekte een hogere omzet tegenover het
jaar voordien. De REBITDA van Tessenderlo Kerley kwam uit op 66,5 miljoen euro: 39,6 % meer dan in 2010. Uitgedrukt in USdollar lag de omzet 22,9 % hoger dan een jaar eerder en steeg de REBITDA met 46,5 %.
Het segment Minerale chemie kreeg in 2011 af te rekenen met grote uitdagingen. Zo waren er een forse daling van de vraag naar sulfaten in de Middellandse Zee-regio, onderbrekingen in de bevoorrading in de eerste helft van het jaar en hogere kosten voor alle grondstoffen. Toch ging het segment er sterk op vooruit. De omzet groeide met 6,9 % tot 428,1 miljoen euro en dat ondanks de lagere volumes. Minerale chemie paste zijn prijzen aan de hogere grondstoffenkosten aan. De uitstekende resultaten van de fosfaten compenseerden de achteruitgang van sulfaten ruimschoots. Dat resulteerde in een REBITDA-stijging van 38,6 % tot 28,6 miljoen euro.
Voor Gelatine en Akiolis steeg de omzet in 2011 met 15,7 % tot 475,4 miljoen euro. De vraag bleef groot en de prijzen lagen hoger in vergelijking met dezelfde periode een jaar voordien. De REBITDA van het segment bedroeg 66,4 miljoen euro, een forse verbetering met 8,5 %. Zeker in het licht van de hogere kosten, zoals de opstartkosten van de twee nieuwe gelatinefabrieken in Brazilië en China.
Kunststof leidingsystemen en Profielen (PPS) genereerde in 2011 een omzet van 569,1 miljoen euro: een stijging met 3,8 %. Kunststof leidingsystemen zag zijn omzet vooral toenemen door de hogere verkoopprijzen die de scherpe stijging van de grondstoffen compenseerden. De volumes herstelden zich licht door de fragiele eindmarkten. De
omzet van Profielen vertoonde in 2011 een lichte daling. Die valt voornamelijk te verklaren door de lagere omzet van de activiteiten in Noord-Amerika. Deze activiteiten werden verkocht aan het einde van het derde kwartaal van 2011. De REBITDA van het segment bedroeg 44,1 miljoen euro: 2,0 % meer dan in 2010. In het vierde kwartaal van 2011 rondde PPS de overname af van BT Bautechnik Group – een fabrikant van speciale fittings – en startte met de integratie van deze activiteiten in de businessunit. BT werd pas vanaf 1 november 2011 in de consolidatiekring opgenomen. De bijdrage is dus heel beperkt. Er wordt ook geen rekening mee gehouden in de vergelijking bij vergelijkbare consolidatiekring.
Ondanks de prestaties in het vierde kwartaal leverde het segment Andere activiteiten over een volledig jaar bekeken veel betere resultaten. De omzet groeide met 9,5 % onder impuls van Compounds. Dat haalde voordeel uit zijn initiatieven om performante en lichtere producten te leveren aan klanten uit de autosector. Ook Organische chloorderivaten, Waterbehandeling en Zwavelderivaten boekten winst tegenover het jaar voordien. De achteruitgang van Farma had enkel te maken met de stopzetting van de glycineactiviteiten aan het einde van 2010. De REBITDA van het segment is bijna verdubbeld en dat vooral dankzij het sterke herstel van Organische chloorderivaten en een beter resultaat van Farma.
Analyse van de belangrijkste risico's
De belangrijkste risicofactoren en onzekerheden voor Tessenderlo Group worden hieronder opgelijst. Er kunnen andere risico's bestaan waarvan de groep zich niet bewust is. Ook zijn er mogelijk risico's waarvan Tessenderlo Group gelooft dat ze nu niet belangrijk zijn, maar die alsnog een wezenlijk ongunstig effect kunnen hebben. De volgorde waarin de risicofactoren staan beschreven, vormt geen aanwijzing voor de waarschijnlijkheid dat ze voorkomen of voor de omvang van de financiële gevolgen.
De belangrijkste risico's die gedetecteerd werden, zijn ingedeeld in vier groepen: strategische, operationele, financiële en externe risico's.
Strategische risico's
Risico's met betrekking tot de strategie zijn gekoppeld aan de keuze van de productenportefeuille, de
markten en de bedrijfsmodellen. De strategische keuzes van de businessunits kunnen de resultaten van de groep sterk beïnvloeden.
Tessenderlo Group probeert deze risico's te beheersen door:
- een grondige analyse van de aantrekkelijkheid van de markt(en), de concurrentiepositie van de businessunits en de overeenstemming met de groepsstrategie bij het opstellen van de strategie van elke businessunit;
- een grondige en omzichtige doorlichting (due diligence) van overnames, joint ventures en desinvesteringen, afhankelijk van de behoeften en de strategie van de groep, en om de mogelijke aansprakelijkheden te beperken (representations and warranties);
- de activiteiten geografisch te spreiden.
Operationele risico's
Risico's met betrekking tot veiligheid
Bepaalde activiteiten van Tessenderlo Group kunnen aanzienlijke schade toebrengen aan personen of aan het milieu. Bij ongevallen kunnen ze ernstige gevolgen hebben. Ook transport en opslag kunnen bepaalde gevaren met zich meebrengen.
Tessenderlo Group beperkt deze risico's zo veel mogelijk door:
- een systeem voor het beheer van procesrisico's. Concrete maatregelen, zoals preventief onderhoud, een voorraad kritieke reserveonderdelen en strenge operationele procedures, dragen verder bij tot de beheersing van de productierisico's;
- veiligheidsaudits door de afdeling Risk Management, waarvan er een aantal
gebeuren in samenwerking met verzekeringsmaatschappijen;
• permanente aandacht voor – en bewustwording van – allerlei veiligheidsaspecten en de best practices die daar bijhoren.
Risico's met betrekking tot de opvolging van richtlijnen
Deze risico's zijn het gevolg van interne of externe wetten, beleidsvoorschriften of instructies die niet volledig nageleefd worden. Ze kunnen een belangrijke negatieve impact hebben op de kasstroom en de resultaten. Ze geven mogelijk ook aanleiding tot rechtszaken.
Tessenderlo Group controleert de correcte naleving van alle richtlijnen via een intern auditsysteem. Het auditcomité controleert dit systeem.
Risico's met betrekking tot Human Resources (HR)
Het is een voortdurende uitdaging om genoeg gemotiveerde en geschikte medewerkers op de juiste plaats te hebben en om de pensioenverplichtingen na te komen.
Het vermogen van de groep om zijn langetermijnstrategie (inclusief de operationele resultaten) te realiseren, is afhankelijk van het aantrekken, behouden, ontwikkelen en motiveren van zijn medewerkers. Als ze niet slaagt in die opdracht, dan kan dat een bepalende factor zijn voor de prestaties van de groep en voor het succes van de verwezenlijking van zijn strategie.
Als onderdeel van de groepsstrategie is het belangrijk om de globale aanwezigheid en de activiteiten van de organisatie te verhogen. De groepsportefeuille is ook aan het verschuiven. Zo zullen gespecialiseerde producten en diensten een almaar groter deel van de groepsresultaten uitmaken. Deze ontwikkelingen vereisen substantiële veranderingen. Als de groep niet beschikt over voldoende change management vaardigheden en/ of loopbaanopvolging, kan dat dan ook een groot risico vormen voor de verwezenlijking van zijn doelstellingen.
Om talent aan te trekken en te behouden, heeft de groep in 2011 grote stappen gezet om zijn HR-organisatie te versterken. Zo waren er de benoemingen van een nieuwe HR-directeur voor de groep en van twee nieuwe HR-businesspartners. Er vond een uitgebreid assessment van het leadershipteam van de groep plaats. Die werd aangewend om opvolgingsplannen te ontwikkelen en verdere vooruitgang te boeken in talentmanagement. Bovendien werkt de groep aan een aanpassing van zijn vergoedingsprogramma via incentives op korte en op lange termijn.
Pensioenplannen hebben vermogen dat belegd is in aandelen en obligaties. Die zijn onderworpen aan de volatiliteit op de financiële markten. Als Tessenderlo Group verplicht is om verhoogde bijdragen uit te betalen aan de pensioenplannen – als gevolg van de volatiliteit van de financiële markten of door een strengere regelgeving – dan kan dit leiden tot minder beschikbare fondsen voor andere doeleinden van de groep.
De groep heeft maatregelen getroffen om dit risico te verkleinen door de bestaande pensioenregeling met 'vaste bijdrage' om te zetten in 'te bereiken doel'.
Risico's met betrekking tot Information Technology (IT)
Tessenderlo Group is aangewezen op IT-systemen en -netwerken, omdat ze daar veelvuldig gebruik van maakt. Wanneer deze ITsystemen en netwerken verstoord worden, dan kan dat het goed functioneren van de groep in het gedrang brengen.
Tessenderlo Group neemt de nodige maatregelen om de continuïteit van de IT-systemen te garanderen en om in de nodige back-ups te voorzien. 'Disaster recovery plans' zorgen ervoor dat de impact van een eventueel defect wordt verkleind en dat de operationele activiteiten niet in het gedrang komen.
Financiële risico's1
Kredietrisico
Het kredietrisico is het risico van wanbetaling door een tegenpartij met betrekking tot de verkoop van goederen of dienstverlening. Wanbetaling kan de kasstroom negatief beïnvloeden.
Om dit risico in te dijken, heeft Tessenderlo Group een kredietbeleid ingevoerd met aanvragen voor kredietlimieten, goedkeuringsprocedures en een voortdurende bewaking van het kredietrisico. Daarnaast wordt de inning van een deel van het openstaand krediet uitbesteed (non-recourse factoring).
Liquiditeitsrisico
Het liquiditeitsrisico is het risico waarbij een onderneming over onvoldoende middelen kan beschikken om zijn financiële verplichtingen op elk moment na te komen. Niet voldoen aan de financiële verplichtingen kan leiden tot significant hogere kosten. Het kan bovendien de reputatie van de onderneming negatief beïnvloeden.
De groep heeft een aantal acties ondernomen om deze risico's in te perken:
• de uitwerking van een nonrecourse factoringprogramma voor een bedrag van 200 miljoen euro aan het einde van 2009;
- een gesyndiceerde kredietfaciliteit van 500 miljoen euro om de groep liquide middelen te bezorgen met looptijden van 18 maanden en 3 jaar in februari 2010;
- een private plaatsing van obligaties met een looptijd van 5 jaar in oktober 2010;
- de inschrijving op een Braziliaanse lening met een looptijd van 12 jaar voor een bedrag van 56 miljoen BRL (23 miljoen euro) in oktober 2010;
- de wijziging van de gesyndiceerde kredietfaciliteit aangegaan in februari 2010 met een daaruit voortvloeiende stijging van de looptijd tot 5 jaar, met meer flexibiliteit voor de activiteiten (een totaalbedrag van 450 miljoen euro) in april 2011.
Daarnaast maakt de groep regelmatig prognoses op korte en lange termijn. Zo kan ze de financiële middelen afstemmen op de verwachte behoeften.
Risico's met betrekking tot de prijzen van producten en grondstoffen
De beschikbaarheid en de prijs van grondstoffen schommelen. Dat kan een grote impact op de rentabiliteit hebben. De waarde van de voorraden van afgewerkte producten kan in prijs afnemen als gevolg van de wet van vraag en aanbod. Daarnaast zijn de energieprijzen een onvoorspelbare factor. Ook die kunnen de rentabiliteit aantasten.
De groep beheerst deze risico's door:
- de aankoopstrategie voortdurend te evalueren;
- de risico's van de waardevermindering van de voorraden te delen met de leveranciers;
- een prioriteit te maken van een duurzame energiestrategie;
- de afhankelijkheid van leveranciers zo veel mogelijk te spreiden;
- een aangepaste verhouding tussen verkoop- en aankoopprijzen.
Wisselkoersrisico
Het wisselkoersrisico is het risico waarbij de waarde van een financieel instrument kan wijzigen als gevolg van wisselkoersschommelingen. De groep is blootgesteld aan een wisselkoersrisico op de verkopen, aankopen en leningen die uitgedrukt zijn in een andere munt dan de functionele munt van de onderneming. De munten die aanleiding geven tot dit risico zijn voornamelijk de US-dollar (USD), het Britse pond (GBP), de Poolse zloty (PLN), de Chinese yuan (CNY), de Argentijnse peso (ARS), de Braziliaanse real (BRL) en de Hongaarse forint (HUF).
Als het gaat om gefactureerde bedragen (klanten, leveranciers), dan zijn dochterondernemingen verplicht om hun nettopositie in vreemde munt te communiceren aan Tessenderlo Finance NV, een Belgische dochteronderneming.
1 Raadpleeg het hoofdstuk 'Financiële instrumenten' in het Financieel Verslag, Noot 28 voor een meer gedetailleerd overzicht van de financiële risico's met betrekking tot de situatie in 2011 en het beleid van Tessenderlo Group voor het beheer van dergelijke risico's.
Alle posities worden samengevoegd op het niveau van Tessenderlo Finance NV. De nettosaldi (long/short) worden dan gekocht of verkocht op de markt. De belangrijkste beheersinstrumenten die gebruikt worden, zijn de voortdurende aankoop en verkoop van munten, gevolgd door valutaswaps.
Interestrisico
Schommelingen in rentevoeten kunnen de interestopbrengsten en -kosten op rentedragende activa en schulden doen variëren. Bovendien kunnen deze schommelingen de marktwaarde van bepaalde financiële activa, schulden en instrumenten beïnvloeden, zoals beschreven in de toelichting bij de financiële staten.
De groep dekt het interestrisico met verschillende instrumenten, zoals 'cross currency interest rate swaps' en 'interest rate swaps.'
Op de datum van de rapportering zag de blootstelling aan het interestrisico van de rentedragende financiële instrumenten van de groep er zo uit:
| 2011 2010 (miljoen euro) |
|
|---|---|
| Vastrentende fi nanciële instrumenten | |
| Financiële activa 4,3 |
86,5 |
| Financiële schulden 195,6 |
287,7 |
| Financiële instrumenten met een variabele rentevoet | |
| Financiële activa 30,6 |
64,0 |
| Financiële schulden 66,7 |
31,1 |
Externe risico's
Risico's met betrekking tot wijzigende wetgeving
De activiteiten van de groep zijn onderworpen aan strikte wetten en reglementeringen, onder andere met betrekking tot milieu, veiligheid en gezondheid. Die kunnen mettertijd veranderen. Als ze niet strikt nageleefd worden, dan kan dat leiden tot rechtszaken.
De groep volgt de relevante wetgeving proactief op en implementeert eventuele nieuwe richtlijnen in alle vestigingen.
Risico's met betrekking tot de economische situatie en de financiële markten
De groep is blootgesteld aan het risico van een verslechtering van de wereldeconomie. Dat kan leiden tot een wereldwijde recessie of een recessie in één of enkele van de belangrijkste
geografische markten. Ze is ook onderworpen aan de volatiliteit op de krediet- en kapitaalmarkt en aan economische en financiële crisissen. Die kunnen een negatieve invloed hebben op de resultaten. Sommige operationele segmenten zijn immers nauw verbonden met de algemene economische omstandigheden.
Gezondheid, veiligheid, milieu en kwaliteit
Instrumenten
Ook in 2011 hebben de bedrijven van Tessenderlo Group de ISO-managementsystemen voor Kwaliteit, Milieu en Voedselveiligheid toegepast. Deze systemen zijn nuttige instrumenten voor de verdere verbetering van de HSEQprestaties. De groep blijft dan ook nadruk leggen op het gebruik van passende managementsystemen.
Prestaties van de groep op het gebied van veiligheid
In 2011 werden over de hele Tessenderlo Group belangrijke verbeteringen gerealiseerd op het vlak van veiligheidsprestaties. De verschillende bedrijven voerden deze verbeteringen consistent uit. De frequentiegraad, de ernstgraad en het totale aantal letsels waarmee de veiligheidsprestaties van een
bedrijf worden gemeten, verbeterden tegenover 2010 met 19 % of meer.
Prestaties in de bedrijfssegmenten
In 2011 ging de veiligheidsprestatie van het segment Kunststof leidingsystemen en Profielen (PPS) er gevoelig op vooruit. De frequentie- en ernstindicatoren verbeterden tijdens het jaar met meer dan 30 %. De verbetering vloeit voort uit een holistische benadering. Die bestaat uit verschillende elementen, zoals de veiligheidsprogramma's STOP (Safety Training Observation Program) en Hearts and Minds. Om nog meer vooruitgang te boeken, gebeurde er ook een Safety Maturity Scan. Daaruit bleek dat PPS op een schaal van 0 tot 5 een score van 3,5 behaalt. Als gevolg daarvan wordt een volledig programma ontwikkeld waarin gedragsgebonden
en culturele elementen zijn ingebouwd. Het doel is om de veiligheidsprestaties onafgebroken te verbeteren.
In 2011 vond in alle vestigingen van PPS ook de volledige afbouw plaats van de loodhoudende stabilisatoren voor alle producten op basis van pvc. Dat sluit aan bij de verbintenissen Vinyl2010 en Vinylplus van de Europese pvcsector om het gebruik van zware metalen in pvc-stabilisatoren af te bouwen.
De Rotterdamse fabriek voor Minerale chemie, die voederfosfaten produceert, stelde een uitgebreid communicatieplan voor rampen in. Een dergelijk plan moet niet alleen de impact van zware ongevallen op werknemers en buurtbewoners verkleinen. Het moet ook de kwaliteit, de snelheid en de transparantie van de rampenbestrijding verbeteren.
Het segment Gelatine is wereldwijd bezig met het behalen van de volledige Food Safety System Certification FSSC 22000. Vijf fabrieken hebben al een FSSC 22000- of ISO 22000-certificaat: Argentinië, de Verenigde Staten, China (Wenzhou), België en Duitsland. De nieuwe gelatinefabrieken in Brazilië en China (Heilongjiang) volgen, evenals de bestaande fabriek in Treforest (Verenigd Koninkrijk) .
De gelatinefabriek in Treforest investeerde in een installatie voor de behandeling van afvalwater op basis van de dissolved air flotation-technologie. Die haalt vervuilde vaste stoffen uit afvalwater met een efficiëntie van meer dan 90 %. De vaste stoffen worden zo gerecupereerd en krijgen een tweede leven als meststof. Deze investering vermindert bovendien de hoeveelheid afval die de lokale waterzuiveringsinstallatie normaal gezien te verwerken krijgt.
Akiolis heeft een uitgebreide logistieke activiteit. Daardoor is brandstofverbruik een relevante maatstaf. Akiolis slaagde erin om zijn brandstofverbruik per ton verzamelde grondstoffen met 2 % te verminderen tegenover 2010. Dat gebeurde via talrijke initiatieven, zoals een testprogramma met opleidingen in milieuvriendelijk rijden voor vrachtwagenchauffeurs. Daarnaast informatiseerde Akiolis de routeplanning. Hierdoor wordt de afstand verkleind die vrachtwagenchauffeurs afleggen om grondstoffen op te halen. Ook het aantal afgelegde kilometers per ton grondstoffen die wordt
opgehaald en vervoerd, neemt zo af. In het algemeen streven uiteenlopende initiatieven naar een voortdurende vermindering van de energie die nodig is om grondstoffen op te halen en te transporteren.
Oplossing van historische milieuproblemen
Net als veel bedrijven die actief zijn of waren in de chemische sector, heeft ook Tessenderlo Group enkele historische milieuproblemen die ze geleidelijk aan wil verhelpen.
Zo zijn er plannen in uitvoering om historische bodem- en grondwaterverontreiniging aan te pakken op de fabrieksterreinen in Belgisch Limburg. Deze sanering gaat onverminderd door.
In 2011 werd een bodemsaneringsproject ingediend en vervolgens goedgekeurd door de bevoegde overheden. Het project heeft betrekking op een slibbassin in de buurt van de vestiging in Ham (België). Het slib zal worden verwijderd en opgeslagen in het nabijgelegen slibbassin Veldhoven. Daardoor zal zowat 6 hectare aan industrieterrein naast het Albertkanaal worden teruggewonnen. De werkzaamheden zijn gepland tussen 2012 en 2015.
In de productievestiging van Ham (België) was er een plotse toename van de luchtemissie van hexachloorbenzeen (HCB) in het begin van 2011. Dit was te wijten aan een onverwachte oververzadiging van actieve koolfilters. De aangetaste actieve koolfilters werden vervangen en de totale filtercapaciteit werd met een derde uitgebreid. Tot aan deze vervanging en uitbreiding van het filtersysteem, overschreden de HCB-emissies de jaardrempel waarboven de overheden moeten geïnformeerd worden. De nodige maatregelen zijn intussen genomen en de betrokken overheden zijn op de hoogte. Volgens de informatie waar het bedrijf over beschikt, is er geen risico geweest voor het personeel of de buren.
Human resources
Op het vlak van Human Resources (HR) heeft Tessenderlo Group in 2011 een wezenlijke vooruitgang geboekt. Nadat de groep in april een nieuwe HR-directeur voor de groep benoemde, kreeg het concept van HR-businesspartners vorm. Op deze manier wil de groep beter rekening houden met de noden van de activiteiten bij het uitwerken van zijn HR-programma's, -tools en -procedures, en dat op basis van een goede dialoog tussen de activiteiten en Group HR over strategische HR-onderwerpen. Het HR-leadershipteam kreeg er twee nieuwe professionals bij om het succes van deze belangrijke ontwikkeling te kunnen garanderen. De groep werkte ook verder aan de ontwikkeling van zijn plannen rond het aantrekken van talent en aan de opvolgingsplanning voor sleutelfuncties. In het kader daarvan ging er veel aandacht naar een 360°-beoordeling van elk lid van het leadershipteam van de groep. Een andere mijlpaal was de lancering van een Group Learning Committee in november. Dat comité is samengesteld uit vertegenwoordigers van activiteiten, functies en regio's. Het is gestart met een plan voor de ontwikkeling van het 'leiderschap van morgen' op groepsniveau. De eerste voorstellen gaan in 2012 in uitvoering.
De groep heeft een belangrijke stap gezet met de ontwikkeling van een inspirerend en oprecht HR Mission Statement. Deze missieverklaring vat samen waar de HR-gemeenschap van Tessenderlo Group voor staat. Ze omvat de essentie van de bestaansreden van deze gemeenschap en de streefdoelen in termen van aard, basiswaarden en werkzaamheden. Het Mission Statement is een voortdurende weerspiegeling van wat de HR-gemeenschap van Tessenderlo Group ambieert. Ze vormt een kader voor haar gedrag en doelstellingen.
Het Mission statement is:
'Een professionele en verbonden HR-gemeenschap zijn die mensen op een moedige en positieve manier inspireert en motiveert en die hen de mogelijkheden biedt om een duurzame, innovatieve en internationale onderneming als Tessenderlo Group te creëren.'
Meer informatie over het Mission Statement is te vinden op: http:// www.tessenderlo.com/careers/
Group Rewards boekte verdere vooruitgang bij de doorvoering van de veranderingen die ze in 2010 plande. Tessenderlo Group gelooft in een brede visie op het loonbeleid. Materiële zaken, zoals basisloon, incentives op korte en lange termijn, voordelen en emolumenten, resulteren alleen in een sterk presterende organisatie als ze gecombineerd worden met immateriële zaken, zoals inspiratie en waarden, ontplooiingskansen en een stimulerende omgeving waar erkenning en verantwoordelijkheidszin centraal staan. Deze visie op verloning komt tot uiting in een duidelijk en transparant loonbeleid dat
prestaties en competenties verbetert en dat talent erkent.
Het loonmodel is in heel de groep gebaseerd op dezelfde functieclassificatie. Zo kan de groep zowel intern als extern vergelijken en benchmarken, en dit in overeenstemming met de bedrijfsstrategie en zijn uiteenlopende activiteiten.
In 2011 trok Tessenderlo Group het variabele loon in het totale loonpakket op. Zo legde ze nog meer de nadruk op een loonbeleid op basis van prestaties en een goed bestuur. Dit vergrootte de impact van zowel de persoonlijke bijdrage aan het zakelijke succes als de financiële prestaties van de groep.
In december 2011 telde Tessenderlo Group 7 457 werknemers: een daling tegenover 2010. Die terugval is voornamelijk toe te schrijven aan de desinvesteringen van Pvc/Chloor-alkali, een deel van Organische chloorderivaten
en de profielenactiviteit in de Verenigde Staten en Canada. Aan de andere kant kwamen er ook nieuwe medewerkers bij door de overname van BT Bautechnik Group en het bemannen van twee nieuwe gelatinefabrieken (in Brazilië en China) en de nieuwe productiesite voor compounds in China.
Innovatie, onderzoek en ontwikkeling
Door te innoveren streeft Tessenderlo Group er voortdurend naar om zijn eigen prestaties en die van klanten te verbeteren. Dat gaat van het ontwikkelen van nieuwe producten tot andere fabricagemethodes voor bestaande producten of betere diensten voor de klant. Innovatie vloeit niet alleen voort uit marktinzichten en onderzoek, maar eveneens uit de creatieve ideeën van medewerkers van verschillende afdelingen die samenwerken. Ook samenwerking met klanten is een bron van innovatie en heeft al geleid tot voordelen voor beide partners.
K-ROW 23™ werd ontwikkeld door agronomen van Tessenderlo Kerley. Het kwam op de markt als een chloorvrije oplossing met kalium- en zwavelvoedingsstoffen voor toepassingen met startersmest. K-ROW 23™ is bruikbaar voor plantregels en is zaadbeschermend wanneer het gebruikt wordt in de aanbevolen dosis. Ontkiemingstests aan
de universiteit wezen uit dat K-ROW 23™ een van de veiligste substanties is. TKI voegde dit nieuwe product toe aan zijn toonaangevende gamma van zwavelhoudende voedingsstoffen. Zo biedt Tessenderlo Kerley telers de mogelijkheid om het plantseizoen sterk in te zetten en robuustere planten te oogsten met een betere opbrengst.
K-Leaf™ is een ander voorbeeld van innovatie om klanten uit de landbouwsector te ondersteunen op basis van technische en marktgebonden inzichten. De meststof werd ontwikkeld door experts van Minerale chemie. Dit kwalitatief hoogstaande product wordt opgenomen via het blad. Het bevestigt de duidelijke marktleiderspositie van Tessenderlo Group in oplosbare kaliumsulfaatmeststoffen. K-Leaf™ biedt ook belangrijke nieuwe mogelijkheden om de waaier van toepassingen van de Minerale chemie uit te breiden van handelsgewassen, zoals fruit en groenten, naar gewassen die
op grote schaal geteeld worden, zoals graan, soja en katoen.
Dankzij innovatie kon Kunststof leidingsystemen (PPS) het nieuwe product Axedo 600 op de markt brengen. Bovendien kon PPS zijn processen verbeteren wat voordelen biedt voor de klant.
In 2011 lanceerde PPS de Axedo 600 inspectieput op al zijn markten. Deze spuitgegoten put is een verdere verbetering van het PPS-aanbod voor de afvoer van overvloedig regenwater en water op de weg. PPS benutte de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van inspectiesystemen en onderhoudsmateriaal, zoals camera's en schoonmaakapparatuur. Daardoor kunnen toezicht en onderhoud nu gebeuren van op de begane grond. Voor structuren die geen personentoegang vergen, bieden de Axedo 600 inspectieputten een alternatief voor de traditionele inspectieputten uit beton. Het ontwerp maakt dat een ondergronds geplaatste
Axedo 600 inspectieput op zijn plaats blijft, ook wanneer er grondwater aanwezig is.
Het tweede project betreft een driedimensioneel tekenplatform. Verschillende partijen gebruiken dat platform om een gebouw te tekenen. PPS werkte samen met klanten om de vereisten op het gebied van kunststof leidingen om te zetten naar dit building information model (BIM). Het model bevat het volledige aanbod van leidingsystemen voor interne drainage. Door samen te werken met klanten heeft PPS het systeem opgestart, herzien en verbeterd. Het gevolg: een grotere klantentevredenheid. Op VSK – de grootste vakbeurs voor verwarming, klimaatregeling en sanitaire systemen in de Benelux – werd dit nog eens onder de aandacht gebracht op een groot billboard met getuigenissen en beoordelingen van klanten over deze innovatie.
De profielenactiviteit van
Tessenderlo Group opende het grootste en meest geavanceerde recyclagebedrijf van het Verenigd Koninkrijk. Aan de basis hiervan liggen twee grote innovaties om klanten en eindgebruikers te ondersteunen. De eerste innovatie is closed loop recycling, een belangrijk voordeel op het vlak van duurzaamheid. Oude, afgedankte pvc-u-raamprofielen worden niet meer naar de stortplaats gebracht. Ze worden vervangen en hergebruikt om er nieuwe profielen van te maken. Door de recyclagecapaciteit sterk te vergroten, kan Eurocell tot 12 000 oude raamprofielen per week verwerken. Daarmee is Eurocell minder afhankelijk van natuurlijke grondstoffen om nieuwe "maagdelijke" pvc-u te vervaardigen. Een tweede groot voordeel op het vlak van duurzaamheid
is de productie van energieefficiënte producten. Eurocell gebruikt afgedankte pvc-u om zijn raamprofielen en Cavalok aansluitingsprofielsystemen te vervaardigen. Deze producten behoren tot de meest energieefficiënte van het Verenigd Koninkrijk. Ze worden gebruikt om uiterst energie-efficiënte en koolstofvrije gebouwen te creëren.
In 2011 bracht Eurocell ook zijn panoramische vouwdeursysteem Aspect op de markt. Dit gepatenteerde openvouwend, glijdend deursysteem werd ontwikkeld na uitgebreid marktonderzoek. Door de betaalbaarheid van dit product richt Eurocell zich tot nieuwe marktsegmenten. Het systeem onderscheidt zich door zijn ontwerp zonder verticale raamstijl. Daardoor ziet het eruit als een traditionele deur, wat hoogst ongebruikelijk is voor pvc-u-deuren. De speciale bekleding bedekt bovendien alle aansluitingen wat het esthetische aspect zeker ten goede komt. Het hardwarepakket op maat is afgewerkt met een unieke D-handgreep aan de binnenkant. Een combinatie van bijzonder design met intelligent bedieningsgemak. Aspect biedt een mix van toonaangevende esthetiek, design én betaalbaarheid, een sterke combinatie die van bij de start commercieel succes opleverde.
De activiteit Compounds van de groep ontwikkelde een nieuwe formule voor haar groene Tefabloc® lijn thermoplastische elastomeren. In de nieuwe formule vervangt Compounds het calciumcarbonaat door poeder van oesterschelpen. Deze creatieve aanpak werkt met een natuurlijk bijproduct dat elke vijf jaar vernieuwd wordt,
waardoor er geen kalk hoeft gewonnen te worden. Met de oesterschelpen in poedervorm hebben de thermoplastische elastomeren nog altijd dezelfde eigenschappen als met gewonnen kalk. Deze formule komt bovendien beter tegemoet aan klanten die almaar vaker duurzame oplossingen eisen van hun leveranciers.
Daarnaast heeft Compounds in samenwerking met een grote autofabrikant ultralichte pvcslush compounds ontwikkeld onder de naam Marvyflo® Light Weight. Deze compounds worden gebruikt voor de bekleding van dashboards en andere interieuronderdelen in de automobielsector. Ze kunnen 30 % hernieuwbare materialen bevatten – zoals palm- en sojaolie – en ze verlagen het gewicht van het dashboard met minstens 10 %. En dat zonder ingrijpende proceswijzigingen bij de klant. De voordelen van deze innovatie zijn talrijk: een lager gewicht, een grote vraag van klanten uit de automobielbranche, een hoge mate van vrijheid in design en een betere prijs-prestatieverhouding.
Ook de activiteit Farmaceutische tussenproducten van Tessenderlo Group realiseerde een procesinnovatie. De vernieuwing resulteerde in de verkorting van de productietijd en de eliminatie van het gebruik van een chloorhoudend solvent, een base, en een waterige opwerking. Dezelfde hoogstaande kwaliteit blijft behouden en de Europese regelgeving wordt strikt nageleefd.
Verklaring deugdelijk bestuur
Transparant beheer
Tessenderlo Chemie baseert zich op het Belgische Corporate Governance Charter van 2009 en schaart zich achter de principes van deugdelijk bestuur die het charter opneemt. De punten waarop het bedrijf afwijkt van de bepalingen van het charter – samen met de redenen daarvoor – staan vermeld in de specifieke rubriek van dit Corporate Governance-verslag. Het Belgische Corporate Governance Charter kan worden geraadpleegd op: http://www.corporategovernancecommittee.be/nl/home/.
De raad van bestuur keurde het Corporate Governance Charter (hierna het charter) met de principes van deugdelijk bestuur goed op 10 november 2005. Door een wijziging in de managementstructuur van het bedrijf, waarbij de functies van voorzitter van de raad van bestuur en CEO werden opgesplitst, besliste de raad van bestuur op 7 januari 2010 om het charter aan te passen. Het werd nogmaals gewijzigd na
een beslissing van de raad van bestuur op 22 december 2010. Toen werd het afgestemd op de wet van 6 april 2010, meer bepaald voor de rol en de verantwoordelijkheden van het benoemings- en vergoedingscomité. Na een beslissing van de raad van bestuur op 21 december 2011 kwam er een wijziging, onder meer om het charter af te stemmen op de wet van 20 december 2010 (over de rechten van aandeelhouders) en om de delegering van bevoegdheden aan de CEO te wijzigen. Het charter kan worden geraadpleegd op de website van Tessenderlo Group: http://www.tessenderlo.com/tessenderlo_group/governance/corporate_governance_charter/.
Kapitaal en aandelen
Kapitaal
Het kapitaal van Tessenderlo Chemie NV bedraagt op 31 december 2011 147 900 000 euro, vertegenwoordigd door 29 531 058 gewone aandelen.
Op de buitengewone algemene vergadering van 7 juni 2011 kreeg de raad van bestuur de toestemming voor een kapitaalverhoging in een of meer stappen, gespreid over een periode van vijf jaar en tot een maximumbedrag van veertig miljoen (40 000 000) euro, uitsluitend voor (i) kapitaalverhogingen die voorbehouden zijn aan de personeelsleden van het bedrijf of zijn dochtermaatschappijen, (ii) kapitaalverhogingen in het kader van de uitgifte van warranten ten gunste van bepaalde personeelsleden van het bedrijf of zijn dochtermaatschappijen en eventueel ook ten gunste van bepaalde niet-personeelsleden van het bedrijf of zijn dochtermaatschappijen, (iii) kapitaalverhogingen in het kader van een optioneel dividend, ongeacht of het dividend direct wordt uitgekeerd in de vorm van aandelen of in cash om nadien eventueel in te tekenen op nieuwe aandelen, eventueel mits een aanvullende betaling, en (iv) kapitaalverhogingen door omzetting van reserves of andere kapitaalinbreng om de kapitaalverhoging af te ronden op een passend rond bedrag.
Op zijn vergadering van 6 juni 2011 besliste de raad van bestuur om aan te bieden om het dividend van 2010 uit te keren in aandelen en/of in cash. Rekening houdend met de keuze van de aandeelhouders werden 722 809 nieuwe gewone aandelen uitgegeven uit het toegestane kapitaal. Op 26 oktober 2011 heeft de raad van bestuur beslist om warranten uit te geven in het kader van het Plan 2011 (lees hierover meer bij Warranten). Het voorkeurrecht van de aandeelhouders werd voor deze uitgifte van warranten geschrapt. De belangrijkste voorwaarden voor de uitgifte van de warranten staan vermeld in hoofdstuk Toepassing van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen. De uitgifte van de warranten kan leiden tot een maximale financiële verwatering van 0,22 %, een verwatering van
de dividenden en stemrechten met 1,13 %, een verwatering van het kapitaal met 0,07 % en een totale financiële verwatering met 0,65 %1 (rekening houdend met alle warranten die werden uitgegeven in het kader van het Plan 2007-2011 en Plan 2011) .
Aandelen
Het aandelenkapitaal bestaat uit 29 531 058 aandelen zonder nominale waarde die de aandeelhouder één stem per aandeel geven.
Alle aandelen van Tessenderlo Chemie NV zijn toegelaten tot de notering en verhandeling op Euronext Brussels.
Warranten
Op 31 december 2011 waren er in totaal 1 174 389 warranten (waarvan de aanvaardingsperiode was verstreken) die uitoefenbaar waren of dat in de toekomst nog worden. Deze warranten werden uitgegeven in het kader van het Plan 2002-2006 (uitgifte van obligaties cum warrant), het Plan 2007-2011 (uitgifte van naakte warranten) en het Plan 2011 (uitgifte van naakte warranten).
Op 26 oktober 2011 gaf
Tessenderlo Chemie NV 350 000 warranten uit in het kader van het Plan 2011 onder de opschortende voorwaarde van hun aanvaarding op of vóór 25 december 2011. De uitoefenprijs is 21,72 euro. Er werden 337 733 warranten aanvaard.
Details over de uitstaande warranten op datum van dit verslag:
Aantal
Tranche Uitoefenperiode warranten Uitoefenprijs
| Tranche 1 (2002)* | 2006-2012 | 9 800 | 25,87 EUR |
|---|---|---|---|
| Tranche 2 (2003)** | 2007-2015 | 9 800 | 26,45 EUR |
| Tranche 3 (2004)** | 2008-2016 | 31 400 | 31,69 EUR |
| Tranche 4 (2005)** | 2009-2017 | 31 400 | 27,11 EUR |
| Tranche 5 (2006)** | 2010-2018 | 59 040 | 30,02 EUR |
| Tranche 1 (2007)** | 2011-2017 | 92 425 | 43,10 EUR |
| Tranche 2 (2008) | 2012-2013 | 130 750 | 23,08 EUR2 |
| Tranche 3 (2009) | 2013-2014 | 192 542 | 21,96 EUR3 |
| Tranche 4 (2010) | 2014-2015 | 279 499 | 24,01 EUR4 |
| Tranche 2011 | 2015-2016 | 337 733 | 21,72 EUR5 |
| TOTAL | 1 174 389 |
* Uitoefenperiode verlengd met drie jaar - ** Uitoefenperiode verlengd met vijf jaar
2 Afwijkend van de vermelde prijs, bedraagt de uitoefenprijs voor Franse begunstigden 22,07 euro en voor Amerikaanse begunstigden 22,09 euro.
3 Afwijkend van de vermelde prijs, bedraagt de uitoefenprijs voor Amerikaanse begunstigden 22 euro, maar er zijn ook warranten uitgegeven tegen een uitoefenprijs van 26,47 euro.
4 Afwijkend van de vermelde prijs, bedraagt de uitoefenprijs voor Amerikaanse begunstigden 24,72 euro.
5 Afwijkend van de vermelde prijs, bedraagt de uitoefenprijs voor Amerikaanse begunstigden 22,29 euro.
1 Berekeningen van de verwatering op basis van dezelfde uitgangspunten als die aan de grondslag van het bijzondere verslag van de raad van bestuur van 26 oktober 2011, opgesteld naar aanleiding van het besluit om warranten uit te geven in het kader van het Plan 2011, behalve dat hier het aantal warranten uitgegeven in het kader van plan 2011 in aanmerking werd genomen, niet het aantal warranten dat in theorie had kunnen worden uitgegeven in dit Plan.
Het maximale aantal aandelen dat in de toekomst op basis van de voornoemde warranten kan worden gecreëerd, bedraagt 1 174 389.
Eigen aandelen
Op 31 december 2011 had noch Tessenderlo Chemie NV, noch een van zijn dochterondernemingen eigen aandelen in bezit.
Aandeelhouders en aandeelhoudersstructuur
De hoofdaandeelhouder van Tessenderlo Chemie NV is het Franse Société Nationale des Poudres et Explosives (SNPE). Dat is voor 99,9 % in handen van de Franse overheid. SNPE legde op 30 oktober 2008 een transparantieverklaring af overeenkomstig de wet van 2 mei 20071 . Het deelde Tessenderlo Chemie in augustus 2011 vrijwillig mee dat het 7 847 863 aandelen bezit of een belang van 26,6 %.
Tessenderlo Chemie ontving geen andere transparantieverklaringen.
Op basis van deze informatie zag het aandeelhouderschap van Tessenderlo Chemie NV er op 31 december 2011 zo uit:
| SNPE | 26,6% | 7 847 863 aandelen |
|---|---|---|
| Niet-verhandelbare aandelen (van personeelsleden of gewezen personeelsleden) |
1,0% | 304 504 aandelen |
| Vrij verhandelbare aandelen | 72,4% | 21 378 691 aandelen |
De aandelen die uitgegeven zijn ten gunste van de personeelsleden, zijn vanaf de uitgiftedatum niet verhandelbaar gedurende vijf jaar. Die periode kan enkel worden ingekort in geval van gebeurtenissen die de wet limitatief opsomt of, in geval van wijziging van de wettelijke bepalingen, na een bijzondere beslissing van de raad van bestuur. Deze aandelen worden pas na die periode van vijf jaar genoteerd op de beurs.
Raad van bestuur
Samenstelling
Op 31 december 2011 zag de samenstelling van de raad van bestuur van Tessenderlo Chemie er zo uit:
| Niet-uitvoerende bestuurders | Mandaat tot |
|---|---|
| Gérard Marchand - Voorzitter | (juni 2014) |
| Valère Croes | (juni 2013) |
| Antoine Gendry | (juni 2013) |
| Michel Nicolas | (juni 2014) |
| François Schwartz | (juni 2015)2 |
| Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders3 | Mandaat tot |
| Philippe Coens | (juni 2015) |
| Dominique Damon | (juni 2015) |
| Baudouin Michiels | (juni 2015) |
| Thierry Piessevaux | (juni 2015) |
| Alain Siaens | (juni 2014) |
| Karel Vinck | (juni 2015) |
| Executive Director | Mandaat tot |
| Frank Coenen – CEO | (juni 2013) |
1 Op dat ogenblik werd aan Tessenderlo Chemie NV meegedeeld dat SNPE 7 186 689 aandelen in Tessenderlo Chemie NV bezat. 2 François Schwartz heeft ontslag genomen als bestuurder van de vennootschap met ingang van 15 februari 2012. De raad van bestuur heeft tijdens zijn vergadering van 28 maart 2012 Guy de Gaulmyn gecoöpteerd als bestuurder van de vennootschap ter vervanging van Francois Schwartz.
3 Conform paragraaf 4.10 van het charter wordt een bestuurder als onafhankelijk beschouwd als hij of zij minstens beantwoordt aan de onafhankelijkheidscriteria van artikel 526 van het Wetboek van vennootschappen. Om de onafhankelijkheid van een bestuurder te beoordelen, wordt ook rekening gehouden met de criteria uit appendix A van het Belgisch Corporate Governance Charter. Volgens de informatie ter beschikking van de raad van bestuur beantwoorden alle onafhankelijke bestuurders van Tessenderlo Group aan voornoemde onafhankelijkheidscriteria. De raad kreeg geen melding van uitzonderingen.
Op de jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders van 7 juni 2011 liep het bestuurdersmandaat van baron Paul de Meester, Bernard Pache en Jaak Gabriels af. Op die datum werden Philippe Coens en mevrouw Dominique Damon benoemd tot onafhankelijke bestuurders van de onderneming.
De Chief Financial Officer en de Chief Legal Officer waren aanwezig op alle vergaderingen van de raad van bestuur. Andere leden van het management woonden sommige vergaderingen bij.
Anne Mie Vanwalleghem was als secretaris van de raad van bestuur aanwezig op alle vergaderingen.
De samenstelling van de raad van bestuur beantwoordt aan de doelstelling om complementaire vaardigheden op het vlak van competentie, ervaring en knowhow te verenigen.
Werking
In 2011 waren de belangrijkste thema's van discussie, onderzoek en besluitvorming van de raad: de herziening en goedkeuring van de langetermijnstrategie en het budget, van de financiële rekeningen en rapportering en de schuldherschikking met inbegrip van de heronderhandeling van de gesyndiceerde kredietfaciliteit, de beoordeling van enkele investerings- en desinvesteringsprojecten, zoals de verkoop van de activiteit Pvc/Chloor-alkali, de herziening van het Corporate Governance Charter, de verslagen van het auditcomité, het strategische comité en het benoemingsen vergoedingscomité, de besluitvoorstellen voor de algemene vergadering van aandeelhouders, de benoeming van de nieuwe bestuurders, het warrantplan, het loonbeleid voor de CEO en de leden van het Group Management Committee, de beoordeling van de raad van
bestuur en het Enterprise Risk Management Framework.
Er waren geen transacties of contractuele verplichtingen tussen bedrijven van Tessenderlo Group en leden van de raad van bestuur die aanleiding kunnen geven tot belangenconflicten die niet gedekt zijn door de wettelijke bepalingen inzake belangenconflicten.
In 2011 organiseerde de raad van bestuur een introductieprogramma voor zijn twee nieuwe bestuurders in verschillende vakgebieden, zoals strategie, operationele en financiële aangelegenheden, compliance en risicobeheer, interne controle en deugdelijk bestuur.
Evaluatie van de raad van bestuur
De raad van bestuur hield in 2011 de tweejaarlijkse evaluatie van zijn eigen werking. Deze evaluatie is bedoeld om de missie van de raad van bestuur te verduidelijken. Ze is gericht op de optimalisering van zijn samenstelling en werking en op een goede wisselwerking met de CEO en het Group Management Committee. De voorzitter van de raad voert de evaluatie uit aan de hand van een vragenlijst die de leden van de raad moeten invullen. De secretaris van de raad verzamelt de ingevulde vragenlijsten. De resultaten worden voorgelegd aan de raad van bestuur. Er worden passende maatregelen genomen voor zaken die kunnen verbeteren.
De volgende formele evaluatie is gepland in het begin van 2013.
Comités
Algemeen
Binnen de raad van Tessenderlo Group bestaan de volgende comités:
| Het benoemings- en | |
|---|---|
| vergoedingscomité | |
| Het auditcomité | |
| Het strategische comité |
Raadpleeg het charter voor een beschrijving van de werking van de verschillende comités: www. tessenderlo.com/tessenderlo_ group/governance/corporate_ governance_charter/
Benoemings- en vergoedingscomité
Op 31 december 2011 was het benoemings- en vergoedingscomité zo samengesteld:
| Karel Vinck (voorzitter)* |
|---|
| (onafhankelijk) |
| Antoine Gendry |
| Valère Croes |
| Thierry Piessevaux (onafhankelijk) |
| Alain Siaens (onafhankelijk) |
*Tot 7 juni 2011 was baron Paul de Meester voorzitter van het benoemings- en vergoedingscomité. Karel Vinck volgde hem op als voorzitter.
Het benoemings- en vergoedingscomité kwam in 2011 vijf keer bijeen.
De voorzitter van de raad van bestuur woonde de vergadering bij over de evaluatie van de vergoedingen, de doelstellingen en de prestaties van de CEO. Hij had een raadgevende stem. De
CEO woonde de vergadering bij over de vergoedingen en de doelstellingen van alle GMCleden (behalve van hemzelf). Hij had een raadgevende stem. De HR-directeur van de groep was aanwezig op de vergaderingen over vergoedingen.
Werking
In 2010 beraadslaagde het benoemings- en vergoedingscomité over het selectieproces en de selectieprocedure van de raad. Het gaf ook advies over de selectie van nieuwe leden van de raad. Daarnaast voerde het comité een herziening door van de organisatiestructuur en van de samenstelling en de vergoeding van het Group Management Committee. Ten slotte adviseerde het comité de raad over de toekenning van aandelenopties aan de leden van het Group Management Committee.
Auditcomité (inclusief bewijs vereist door art. 119, 6° van het Wetboek van vennootschappen)
Op 31 december 2011 was het auditcomité zo samengesteld:
- Valère Croes (voorzitter)
- Baudouin Michiels (onafhankelijk)
- Thierry Piessevaux (onafhankelijk)
- François Schwartz
- Alain Siaens (onafhankelijk)
Het auditcomité kwam in 2011 vier keer bijeen.
Zowel de CFO, de interne auditor, de groepdirecteur Controlling, Consolidation en Accounting, de directeur Risk Management,
Interne Audit & Interne Controle als de commissaris wonen de vergaderingen van het auditcomité bij. Tot 31 maart 2011 stond Risk Management onder de verantwoordelijkheid van de Chief Legal Officer, die de vergaderingen bijwoonde. Het bedrijf beantwoordt aan de wettelijke verplichting dat het auditcomité minstens één onafhankelijke bestuurder telt met de nodige ervaring op het gebied van boekhouding en audit. De leden van het auditcomité beantwoorden aan het criterium van bekwaamheid door hun opleiding en door de ervaring die ze hebben opgedaan in hun vorige functies (verschillende leden van het auditcomité zijn of waren ook lid van auditcomités van andere beursgenoteerde bedrijven; Alain Siaens is voorzitter van een financiële instelling, emeritus hoogleraar in de economie en erevoorzitter van de Belgische Vereniging van Financiële Analisten). Overeenkomstig het charter zijn de meeste leden onafhankelijke bestuurders.
Beoordeling van het auditcomité
In 2011 onderzocht en beoordeelde het auditcomité zijn werking. Alle leden van het auditcomité stemden ermee in om deze beoordeling uit te voeren aan de hand van een anonieme zelfbeoordelingsvragenlijst voor de leden. De secretaris van het auditcomité heeft de vragenlijsten verzameld. De resultaten van de zelfbeoordelingsoefening werden voorgelegd aan het auditcomité,
samen met de punten waarop de werking van het auditcomité kan verbeteren. Er werden passende maatregelen genomen.
Werking
Naast de beoordeling van de kwartaalverslagen en de driemaandelijkse persberichten nam het auditcomité kennis van de verslagen van externe auditors. Die gingen over de opvolging van de maatregelen die het bedrijf nam om zwakke punten in het IT-systeem weg te werken en over de doeltreffendheid van het kader voor interne controle. Daarnaast nam het auditcomité ook kennis van het interne auditprogramma voor 2011, de bevindingen van de interne auditor over de uitgevoerde audits en de beoordeling van de follow-upacties die het bedrijf ondernam om de tekortkomingen te verhelpen die de interne audit vaststelde. Het auditcomité onderzocht ook de status van een Enterprise Risk Management System en de implementatie van het interne controlesysteem. Het auditcomité analyseerde eveneens de nieuwe financieringsstructuur van de groep. Bovendien werd het nieuwe charter voor interne audit bestudeerd. Het comité keurde het goed.
Het auditcomité hield ook toezicht op de procedure voor niet-auditdiensten. Die werd ingevoerd om tot meer transparantie te komen en om belangenconflicten te vermijden.
Strategisch comité
| Gérard Marchand (voorzitter) |
|---|
| Antoine Gendry |
| Baudouin Michiels (onafhankelijk) |
| Karel Vinck (onafhankelijk) |
| Bernard Pache (onafhankelijk)* |
* Tot zijn mandaat van bestuurder afloopt (juni 2011).
Het strategische comité kwam in 2011 vijf keer bijeen.
Werking
Het strategische comité beoordeelde de strategie van de groep en spitste zich daarbij vooral toe op de businessunits. Het analyseerde alle strategische overnames en desinvesteringen (zoals bepaald in het Corporate
Governance Charter) en had daarbij bijzondere aandacht voor de verkoop van de Pvc/ Chloor-alkali activiteiten. Het comité legde zijn aanbevelingen voor deze zaken aan de raad van bestuur voor.
De CEO en de CFO woonden alle vergaderingen van het strategische comité bij.
Aanwezigheidsgraad op de raad van bestuur en op de vergaderingen van de comités in 2011
| Raad van bestuur |
Audit comité |
Strate gisch comité |
Benoemings en vergoedings- comité |
|
|---|---|---|---|---|
| Aantal vergaderingen in 2011 |
7 | 4 | 5 | 5 |
| Gérard Marchand | 7/7 | 5/5 | ||
| Frank Coenen | 7/7 | |||
| Philippe Coens 1 | 3/4 | |||
| Valère Croes | 7/7 | 4/4 | 5/5 | |
| Dominique Damon 1 | 4/4 | |||
| Antoine Gendry | 7/7 | 5/5 | 5/5 | |
| Baudouin Michiels | 7/7 | 4/4 | 5/5 | |
| Michel Nicolas | 7/7 | |||
| Thierry Piessevaux | 7/7 | 4/4 | 5/5 | |
| François Schwartz | 7/7 | 4/4 | ||
| Alain Siaens | 6/7 | 4/4 | 4/5 | |
| Karel Vinck 2 | 6/7 | 5/5 | 2/2 | |
| Paul de Meester 3 | 1/3 | 2/3 | ||
| Jaak Gabriels 3 | 2/3 | |||
| Bernard Pache 3 | 3/3 | 2/2 | ||
1 Mandaat sinds 7 juni 2011 (jaarlijkse algemene vergadering)
2 Karel Vinck werd benoemd tot lid van het benoemings – en vergoedingscomité op 26 oktober 2011
3 Mandaat tot 7 juni 2011 (jaarlijkse algemene vergadering)
Group Management Committee (GMC)
Rol en verantwoordelijkheden
Samenstelling
Op 31 december 2011 bestond het GMC van Tessenderlo Chemie NV uit:
p74 Tessenderlo Group Jaarverslag 2011
| Frank Coenen | Chief Executive Offi cer |
|---|---|
| Mel de Vogue | Chief Financial Offi cer |
| Rudi Nerinckx | Chief HR Offi cer* |
| Jettie Van Caenegem | Chief Legal Offi cer |
| Eddy Vandenbriele | Directeur Risk Management, Interne Audit & |
| Interne Controle | |
| Jordan Burns | Directeur businessgroep Tessenderlo Kerley |
| Pol Deturck | Directeur businessgroep Chemicals |
| Jan Vandendriessche | Directeur businessgroep Organische specialiteiten |
| Albert Vasseur | Directeur businessgroep Kunststofverwerking |
* Titel wijzigde van HR directeur naar Chief HR Officer in februari 2012
JAN VANDENDRIESSCHE
EDDY VANDENBRIELE
JORDAN BURNS
Evaluatie
De CEO evalueert jaarlijks de prestaties van alle leden van het GMC via een prestatiebeoordeling. Daarbij houdt hij rekening met de verantwoordelijkheden van de GMC-leden en baseert hij zich voor de evaluatie op KPI's (Key Performance Indicators). Deze worden vastgelegd in overeenstemming met de strategie van de groep.
Werking
Het GMC komt in principe één keer per maand samen. De vergaderingen van het
GMC werden ook bijgewoond door de strategische planners, Vincent Wille (tot juni 2011) en Geert Gyselinck (vanaf augustus 2011), secretarissen van het GMC. Er werden ook leden van ondersteunende diensten van de groep uitgenodigd om diverse thema's toe te lichten.
POL DETURCK
JETTIE VAN CAENEGEM ALBERT VASSEUR
RUDI NERINCKX
Het comité kan alleen geldig beraadslagen als minstens de helft van zijn leden aanwezig is of geldig vertegenwoordigd is. Het GMC streeft naar beslissingen met eenparigheid van stemmen. Als de leden niet tot een consensus komen, dan beslist de CEO.
De CEO rapporteert aan de raad van bestuur over strategische beslissingen van het GMC.
Het GMC kwam in 2011 elf keer samen. De aanwezigheidsgraad was honderd procent.
Vergoedingen
Niet-uitvoerende bestuurders (en de CEO in zijn hoedanigheid van bestuurder)
Vergoedingsbeleid
Het is de verantwoordelijkheid van de raad van bestuur om de aandeelhouders voorstellen voor te leggen over de bezoldigingen van de leden van de raad.
Het benoemings- en vergoedingscomité doet de raad van bestuur voorstellen over:
- bezoldigingen om deel te nemen aan de vergaderingen van de raad en de comités van de raad;
- bezoldigingen voor opdrachten die samenhangen met speciale mandaten.
Om de bezoldiging van de bestuurders te bepalen, voert de Human Resources-afdeling twee keer per jaar een benchmarking uit van vergelijkbare Belgische bedrijven. Daarbij krijgt ze de hulp van een externe consultant (Towers Watson). Op basis van de benchmarking doet ze een voorstel aan het benoemings- en vergoedingscomité. De CEO, de gedelegeerd bestuurder, krijgt voor zijn rol als bestuurder dezelfde bezoldiging als de niet-uitvoerende bestuurders. Lid zijn van een comité geeft de deelnemers recht op presentiegeld dat in de lijn ligt van de benchmark. De voorzitter krijgt ook een aanvullende premie voor zijn verantwoordelijkheid als voorzitter.
Momenteel is er geen intentie om het vergoedingsbeleid de komende twee jaar te veranderen. Toch zal er geregeld een benchmarking plaatsvinden om de veranderingen in marktpraktijken en in de omvang van de activiteiten van de groep weer te geven.
Procedures toegepast in 2011 in verband met vergoedingen
Het vergoedingsbeleid voor bestuurders bleef ongewijzigd.
Ontvangen bezoldigingen
Bestuurders ontvangen een vaste bezoldiging en een terugbetaling van hun reiskosten voor elke vergadering. De jaarlijkse bezoldiging bedraagt in totaal
53 679 euro per mandaat en wordt betaald in het daaropvolgende jaar. Het presentiegeld bedraagt 1 860 euro per vergadering van het benoemings- en vergoedingscomité, het strategische comité en eveneens voor het comité van onafhankelijke bestuurders, overeenkomstig artikel 524 van het Belgische Wetboek van vennootschappen. Het presentiegeld voor elke vergadering van het auditcomité is 3 000 euro per bestuurder. De bestuurder die het auditcomité voorzit, krijgt 4 500 euro. Het presentiegeld wordt betaald in het jaar waarin de vergaderingen plaatsvinden. Onkostenvergoedingen worden betaald in het jaar waarin de kosten worden gemaakt.
De voorzitter ontvangt een vaste bezoldiging van 140 000 euro en kan beschikken over een bedrijfswagen en een mobiele telefoon.
Niet-uitvoerende bestuurders kunnen geen aanspraak maken op een variabele bezoldiging.
Bezoldiging ontvangen in 2011 (in euro)
| Gérard Marchand | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 140 000 |
|---|---|---|
| (niet-uitvoerend bestuurder) voorzitter |
Totale bezoldiging | 140 000 |
| Frank Coenen | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
| (uitvoerend bestuurder) | Totale bezoldiging | 53 679 |
| Philippe Coens 1 (onafhankelijk niet-uitvoerend |
Jaarlijkse vaste bezoldiging | 186 |
| Reiskosten | 1 488 | |
| bestuurder) | Totale bezoldiging | 1 674 |
| Valère Croes | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
| (niet-uitvoerend bestuurder) | Reiskosten | 3 472 |
| voorzitter auditcomité | Auditcomité – presentiegeld | 18 000 |
| Benoemings- en vergoedingscomité – presentiegeld |
9 300 | |
| Totale bezoldiging | 84 451 | |
| Dominique Damon 1 | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 186 |
| (onafhankelijk niet-uitvoerend | Reiskosten | 1 984 |
| bestuurder) | Totale bezoldiging | 2 170 |
| Paul de Meester 2 | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 493 |
| (onafhankelijk niet-uitvoerend | Reiskosten | 496 |
| bestuurder) voorzitter benoemings- en |
Benoemings- en vergoedingscomité – presentiegeld |
3 720 |
| vergoedingscomité | Totale bezoldiging | 57 709 |
| Jaak Gabriels 2 | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 493 |
| (onafhankelijk niet-uitvoerend | Reiskosten | 992 |
| bestuurder) | Totale bezoldiging | 54 485 |
| Antoine Gendry | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
| (niet-uitvoerend bestuurder) | Reiskosten | 3 472 |
| Benoemings- en vergoedingscomité – presentiegeld |
9 300 | |
| Strategisch comité – presentiegeld | 9 300 | |
| Totale bezoldiging | 75 751 | |
| Baudouin Michiels | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
| (onafhankelijk niet-uitvoerend | Reiskosten | 3 472 |
| bestuurder) | Auditcomité – presentiegeld | 12 000 |
| Strategisch comité – presentiegeld | 9 300 | |
| Totale bezoldiging | 78 451 | |
| Michel Nicolas | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
| (niet-uitvoerend bestuurder) | Reiskosten | 3 472 |
| Totale bezoldiging | 57 151 | |
| Bernard Pache 2 | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 493 |
| (onafhankelijk niet-uitvoerend | Reiskosten | 1 488 |
| bestuurder) | Strategisch comité – presentiegeld | 3 720 |
| Totale bezoldiging | 58 701 | |
| Thierry Piessevaux | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
| (onafhankelijk niet-uitvoerend | Reiskosten | 3 472 |
| bestuurder) | Auditcomité – presentiegeld | 12 000 |
| Benoemings- en vergoedingscomité – presentiegeld |
9 300 | |
| Totale bezoldiging | 78 451 |
1 Benoeming op de algemene vergadering van 7 juni 2011.
Lid
2 Einde van het mandaat op de algemene vergadering van 7 juni 2011.
Bezoldiging ontvangen in 2011 (in euro)
| François Schwartz | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
|---|---|---|
| (niet-uitvoerend bestuurder) | Reiskosten | 3 472 |
| Auditcomité – presentiegeld | 12 000 | |
| Totale bezoldiging | 69 151 | |
| Alain Siaens | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
| (onafhankelijk niet-uitvoerend | Reiskosten | 2 976 |
| bestuurder) | Auditcomité – presentiegeld | 12 000 |
| Benoemings- en vergoedingscomité | 7 440 | |
| – presentiegeld | ||
| Totale bezoldiging | 76 095 | |
| Karel Vinck | Jaarlijkse vaste bezoldiging | 53 679 |
| (onafhankelijk niet-uitvoerend bestuurder) |
Reiskosten | 2 976 |
| Strategisch comité – presentiegeld | 9 300 | |
| Benoemings- en vergoedingscomité | 3 720 | |
| – presentiegeld | ||
| Totale bezoldiging | 69 675 |
Group Management Committee (GMC)
Vergoedingsbeleid
Dit hoofdstuk beschrijft de principes die aan de basis liggen van het Group Rewardbeleid voor de bezoldiging van bestuurders. De bedoeling is om een overzicht te geven van de bezoldigingsstructuur. Het benoemings- en vergoedingscomité bepaalt de principes van het vergoedingsbeleid voor de GMCleden en legt die voor aan de raad van bestuur. Er wordt gestreefd naar een bezoldigingspakket dat marktconform is en dat aantrekkelijk is op korte en op lange termijn.
De concurrentieomgeving van Tessenderlo Group verandert snel. Om de ambities in die uitdagende omgeving waar te maken, is een sterk presterende organisatie nodig. Getalenteerde managers zijn dan ook noodzakelijk. Het vergoedingsbeleid koppelt de prestaties van de individuele leden aan de bedrijfsdoelstellingen van Tessenderlo Group en zijn businessunits op korte en lange termijn. Zo schept de groep wereldwijd een consistent kader voor de ontwikkeling, beloning en responsabilisering van zijn mensen. Door dit vergoedingsbeleid slaagt de groep erin om de beste talenten aan te trekken, te behouden en te motiveren. En dat binnen een wereldwijd consistent bezoldigingskader dat het behalen van bedrijfsdoelstellingen beloont en het genereren van waarde voor de aandeelhouder aanmoedigt.
De principes van Group Reward zijn:
| Afstemming op de bedrijfsstrategie en verbinding met de bedrijfsdoelstellingen en -waarden |
|---|
| Uitbouw van een prestatiegebonden looncultuur |
| Interne billijkheid en externe concurrentiekracht om talent aan te trekken, te behouden en te motiveren |
| Globale betaalbaarheid |
Voor de bezoldiging van zijn bestuurders houdt de groep niet enkel de kortetermijnprestaties van het bedrijf voor ogen. Er ligt ook nadruk op duurzaamheid, dat wil zeggen de langere termijn.
Het benoemings- en vergoedingscomité bespreekt de bezoldiging van het GMC jaarlijks op basis van de aanbevelingen van de Human Resources-
Lid
afdeling (Group Reward). Die aanbevelingen zijn het resultaat van een regelmatige marktstudie door het consultancybedrijf Towers Watson. Ook consultancybedrijf Hay voerde een studie uit, zodat de groep over een tweede referentie beschikt voor niet-Belgische functies. Op die manier garandeert de groep een competitief en marktconform bezoldigingspakket.
Tessenderlo Group vergelijkt het bezoldigingspakket van het GMC met een aantal andere Belgische ondernemingen van vergelijkbare omvang en uit dezelfde activiteitssector. De bezoldiging van de niet-Belgische leden van het GMC wordt getoetst aan de lokale markt. Het huidige bezoldigingspakket voor elk lid van het GMC is in overeenstemming met de marktnorm. Daarbij is rekening gehouden met de prestaties en de ervaring van het lid in verhouding tot de benchmark.
Op aanbeveling van de CEO beoordeelt het benoemings- en vergoedingscomité jaarlijks de bezoldiging van de GMC-leden. De bezoldiging van de CEO wordt beoordeeld op aanbeveling van de voorzitter van de raad van bestuur.
Bezoldigingspakket
Het bezoldigingspakket van het GMC bestaat uit deze elementen:
| Een basisloon |
|---|
| Een variabel loon (inclusief variabele plannen op korte en lange termijn) |
| Andere bezoldigingselementen |
Details over de inhoud van elk van deze elementen volgen hieronder.
Basisloon
Het basisloon vergoedt de individuele leden conform de markt. Daarbij wordt rekening gehouden met hun bekwaamheidsniveau, hun ervaring en hun positie binnen de groep.
Variabel loon
I. Variabel loon op korte termijn
Tessenderlo Group ontwikkelde een variabel loonplan. Dat zorgt ervoor dat alle leden van het GMC vergoed worden volgens de algemene prestaties van Tessenderlo Group en volgens hun individuele prestaties in het jaar dat voorafgaat aan de uitbetaling van de bonus.
De cashbonus voor de CEO werd in 2011 opgetrokken en schommelt tussen 0 % en 100 % van het basisloon. De doelstellingen - die gemeten worden tijdens het kalenderjaar - zijn bepaald op basis van de financiële doelstellingen van de groep en op basis van persoonlijke doelstellingen. Die zijn vooraf door het benoemingsen vergoedingscomité vastgelegd. Voor 2011 werden de financiële doelstellingen bepaald op basis van de ROCE, REBITDA en het nettoresultaat. De persoonlijke doelstellingen hingen rechtstreeks af van de vooruitgang van de strategische uitvoering en van de processen voor talentmanagement binnen de groep. Na het einde van het financiële jaar
toetst het benoemings- en vergoedingscomité de doelstellingen van de CEO aan zijn realisaties. Het comité legt zijn evaluatie ter goedkeuring voor aan de raad van bestuur.
Voor de andere GMC-leden varieert de cashbonus tussen 25 % en maximaal 50 % van hun loon, afhankelijk van hun functie, de omgeving en de marktpraktijken. De uitbetaling van dat percentage kan schommelen tussen 0 % en 200 % afhankelijk van hun prestaties. Daardoor hebben sommige GMC-leden in 2011 een hogere cashbonus ontvangen dan in 2010.
De cashbonussen voor directeurs van businessgroepen binnen het GMC bestaan uit drie verbonden prestatiecomponenten: een eerste met betrekking tot de financiële prestaties van de groep (40 %), een tweede die afhangt van de financiële prestaties van de businessgroep (30 %) en een derde voor de persoonlijke doelstellingen (30 %). Voor de functionele leden van het GMC (HR, CLO, Risk/Audit) bestaan er maar twee prestatiecomponenten: een voor de financiële prestaties van de groep (tussen 30 en 40 %) en een voor de persoonlijke doelstellingen (tussen 60 en 70%). Voor de CFO/IT-directeur bedraagt de component voor de financiële prestaties van de groep 50 % en die voor de persoonlijke prestaties ook 50 %. Zowel de doelstellingen van de business als de persoonlijke doelstellingen van de GMC-leden worden bepaald door de gedelegeerd bestuurder (CEO) door cascadering van de strategieën en doelstellingen
van de groep. De doelstellingen houden rekening met de specifieke omstandigheden van de activiteiten of bedrijfseenheden die het lid beheert.
De doelstellingen van het GMC worden beoordeeld op basis van een kalenderjaar. De beoordeling gebeurt door de CEO na het einde van het financiële jaar en wordt ter goedkeuring voorgelegd aan het benoemingsen vergoedingscomité en aan de raad van bestuur.
Het loonplan op korte termijn voorziet niet expliciet in enig terugvorderingsbeding.
II. Variabel loon op lange termijn
In 2011 werd een eenjarig aandelenoptieplan (warranten) uitgewerkt voor de GMC-leden en de leden van het leadershipteam. De CEO, de directeurs van de businessgroepen en de functionele directeurs binnen het GMC (CFO/IT, HR, CLO, Risk/ Audit) ontvingen een verschillend aantal aandelenopties.
De inschrijvingsrechten kunnen enkel worden uitgeoefend na drie jaar en alleen gedurende twee opeenvolgende jaren, tenzij de raad beslist om die periode te verlengen. De lijst met begunstigden – het GMC en het leadershipteam – wordt jaarlijks door de raad van bestuur vastgelegd. Die vertrouwt de verdeling van deze inschrijvingsrechten aan de begunstigden toe aan het benoemings- en vergoedingscomité. De inschrijvingsrechten zijn geregistreerd en onoverdraagbaar, behalve in geval van overlijden.
De uitoefenprijs van de opties die de raad van bestuur op 26 oktober 2011 heeft uitgegeven en die een aanvaardingsperiode hebben tot 25 december 2011, werd vastgesteld op 21,72 euro en op 22,29 euro voor het subplan in de Verenigde Staten.
Andere bezoldigingselementen
De leden van het GMC (ook de CEO) komen net als de leden van het leadershipteam in aanmerking om deel te nemen aan het extralegaal pensioenplan, een hospitalisatieplan, een levensverzekeringsplan, enz. Er wordt in dat opzicht geen enkel onderscheid gemaakt. Aangezien het GMC leden van verschillende nationaliteiten telt, kunnen de plannen verschillen naargelang de lokale wetgeving en de marktomgeving.
GMC-leden genieten ook andere voordelen, zoals een bedrijfswagen en een representatievergoeding.
De CEO en de GMC-leden nemen deel aan een 'te bereiken doel' plan of een 'vaste bijdrage' plan. Het 'vaste bijdrage' pensioenplan geldt voor GMC-leden met een Belgische arbeidsovereenkomst vanaf 1 januari 2008. Alle GMC-leden die een Belgische arbeidsovereenkomst hebben die dateert van voor 31 december 2007, blijven aangesloten bij het 'te bereiken doel' pensioenplan. Al deze vergoedingselementen staan vermeld op de inkomstenaangifte. Jordan Burns neemt deel aan een 401K plan in de Verenigde Staten.
Veranderingen in het loonbeleid
Het benoemings- en vergoedingscomité van 4 mei 2011 adviseerde om een eenjarig aandelenoptieplan uit te geven met een maximum van 350 000 opties (warranten). Zo wil het comité het incentiveplan op lange termijn afstemmen op de marktpraktijken en de langetermijnvisie zoals opgenomen in de wet op Corporate Governance van 6 april 2010. De raad van bestuur volgde het advies van het benoemingsen vergoedingscomité en besliste om een eenjarig aandelenoptieplan uit te geven. De raad nam ook de beslissing om niet langer opties uit te geven in het kader van het Plan 2007- 2011. Er waren hiervoor immers onvoldoende opties voorhanden om de hierboven vermelde afstemming te kunnen realiseren. Het globale aantal aandelenopties dat toegekend werd aan de GMC-leden en de leden van het leadershipteam, nam toe.
Afgezien van het aantal beschikbare opties om te verdelen, bevatte het nieuwe plan geen andere regels dan die van het oude vijfjarige aandelenoptieplan (Plan 2007-2011).
De raad zal in 2012 een nieuw langetermijn-incentiveplan voor het GMC en het leadershipteam voorgelegd krijgen ter goedkeuring, op aanbeveling van het benoemings- en vergoedingscomité.
Aangezien de groep meer internationaal aan het worden is, overweegt ze om in 2012 een internationale benchmarkstudie uit te voeren naar de totale directe bezoldiging van de CEO en de GMC-leden (basisloon + variabel loon op korte termijn
- variabel loon op langere termijn). Hiervoor zou een internationale peergroep van bedrijven bepaald worden, die fungeert als referentie voor deze benchmarkstudie over totale directe bezoldiging1 .
Bezoldigingen in 2011
CEO
De jaarlijkse brutobezoldiging van de CEO in 2011 ziet er als volgt uit:
Component Bedrag
| Vast loon (zonder bestuurderspremies)2 | 527 875 € |
|---|---|
| Variabel loon (zonder opties) | 403 042 € |
| TOTAAL | 930 917 € |
| Pensioen3 | 60 102 € |
| Andere voordelen4 | 23 798 € |
Brutobezoldiging van het GMC (zonder de CEO) in 2011
| Component | Bedrag |
|---|---|
| Vast loon5/6 | 2 117 081 € |
|---|---|
| Variabel loon (zonder opties)5/6 | 972 900 €7 |
| TOTAAL | 3 089 981 €8 |
| Pensioen9 | 223 297 € |
| Andere voordelen | 218 370 € |
1 Informatie in overeenstemming met artikel 96, §3, 2° d) wetboek van vennootschappen.
2 Totale loonmassa in 2011 (inclusief de impact van de wettelijke aanpassingsmechanismen) – exclusief socialezekerheidsbijdragen van de werkgever.
3 'Te bereiken doel' pensioenplan: raming van de jaarlijkse servicekosten voor 2011, berekend door een actuaris.
4 Andere voordelen omvatten een overlijdensdekking, een invaliditeitsverzekering, een arbeidsongevallenverzekering, belastingen (4,40 %) op een aanvullend individueel pensioenplan, maaltijdcheques en een bedrijfswagen. Deze voordelen gelden onder dezelfde voorwaarden voor de andere leden van het leadershipteam (senior executives). Ze vallen onder de ruling voor representatievergoedingen die de Belgische fiscus goedkeurde.
5 Exclusief socialezekerheidsbijdragen van de werkgever.
6 Gebruikte wisselkoers: 1 USD = 0,7184 euro (voor alle omrekeningen in verband met het VS-bezoldigingspakket voor Jordan Burns) - (inclusief de impact van de wettelijke aanpassingsmechanismen in 2011).
7 Sommige leden zetten variabel loon om in fondsopties. Dat resulteert in een uitstel van betaling voor één jaar, waarde inbegrepen.
8 Rudi Nerinckx vervoegde de groep als HR-directeur op 01/04/2011.
9 Zie sectie Andere vergoedingen, voor het type pensioenplan.
Aandelenopties (warranten) voor de leden van het GMC
Op aanbeveling van het benoemings- en vergoedingscomité en na goedkeuring door de raad van bestuur ontvangen de GMC-leden aandelenopties. De onderstaande tabel vermeldt het aantal opties dat in 2011 werd toegekend aan elk lid van het GMC, het
aantal vervallen opties in 2011 (aangezien de uitoefenperiode verstreken is) en het aantal uitgeoefende opties in 2011.
| Naam | Toeken ning in 2011 |
Uitoe fen prijs |
Waarde bij toe- kenning* |
uitoefen bare opties in 2011 |
Uitgeoefen de opties in 2011 |
|---|---|---|---|---|---|
| Frank Coenen | 55 000 | 21,72 € | 297 000 € | 0 | 0 |
| Pol Deturck | 20 000 | 21,72 € | 108 000 € | 0 | 0 |
| Jan Vandendriessche | 20 000 | 21,72 € | 108 000 € | 0 | 0 |
| Albert Vasseur | 20 000 | 21,72 € | 108 000 € | 0 | 0 |
| Jordan Burns | 25 000 | 22,29 € | 135 000 € | 0 | 0 |
| Mel de Vogue | 25 000 | 21,72 € | 135 000 € | 0 | 0 |
| Jettie Van Caenegem | 15 000 | 21,72 € | 81 000 € | 0 | 0 |
| Eddy Vandenbriele | 12 000 | 21,72 € | 64 800 € | 0 | 0 |
| Rudi Nerinckx | 15 000 | 21,72 € | 81 000 € | 0 | 0 |
* Waarde van 5,4 euro per optie overeenkomstig het binomiaal waarderingsmodel op 25 oktober 2011. De IFRS rapportering houdt rekening met de Black & Scholes methodologie op de uiterste uitoefendatum (25 december 2011).
Overeenkomst vertrekpremie
De arbeidsovereenkomsten van de Europese leden van het GMC bepalen dat de anciënniteit die bij andere werkgevers is opgebouwd, deels in aanmerking wordt genomen voor de berekening van een vertrekpremie. De arbeidsovereenkomst van het Amerikaanse lid van het GMC bevat een beëindigingsvergoeding die gelijk is aan 1,5 jaar loon. Dit ligt in de lijn van de gangbare praktijken voor dit functieniveau.
Belangrijkste kenmerken van interne controle en riskmanagement
Kader voor interne controle
Belangrijkste organen van het kader voor interne controle.
Verantwoordelijkheden
De raad van bestuur keurt het kader voor interne controle en het interne controlesysteem goed.
Het auditcomité ziet toe op de implementatie van het kader voor interne controle en op de efficiënte werking van de interne controle.
Het lokale management van het bedrijf is voornamelijk verantwoordelijk voor het ontwikkelen en handhaven van een doeltreffend systeem voor interne controle.
De eindverantwoordelijkheid voor de dagelijkse werkzaamheden wordt gedelegeerd aan het Group Management Committee (GMC). Een directeur rapporteert aan de CEO en is verantwoordelijk voor Interne Controle, Risk Management en Interne Audit. De directeur Interne Controle rapporteert rechtstreeks aan hem.
Het management bepaalt het risicoaanvaardingsniveau en welk niveau van de restrisico's die aanvaardbaar is. Dit bepaalt de niveaus van interne controle voor de verschillende processen. Het doel is om eventuele onjuistheden in de jaarrekening van de moedermaatschappij en
van de groep zo veel mogelijk te vermijden. Hiervoor moet een systeem voor interne controle bestaan.
Scope interne controle
Het systeem voor interne controle is gebaseerd op de COSO Internal Control – Integrated Framework. In een eerste fase ligt de focus op de interne controle van de financiële rapportering. Dit proces voor interne controle is ontworpen om een redelijke mate van zekerheid te bieden over de betrouwbaarheid van het financiële jaarverslag. Het wordt vooral gerealiseerd door risicobeperking aan de hand van controles op entiteitsniveau, controles op procesniveau, algemene IT-controles en scheiding van functies.
Benadering van het systeem voor interne controle
De verschillende stappen in de benadering van het systeem voor interne controle zijn het bepalen van de scope, het documenteren van de processen, het beoordelen van de controleactiviteiten, de evaluatie van de zwakke punten van de controle en de rapportering naar zowel het lokale management als het corporate management.
Deliverables (interne controle)
Op lokaal niveau gebeurt er een documentatie van alle processen, een beschrijving van de risico's en de controles en een analyse van de hiaten in de controle. Er worden ook bijsturingsplannen opgesteld.
Dezelfde informatie is beschikbaar op groepsniveau naast de handleiding van het systeem voor interne controle, documentatie over algemene IT-controles en eventuele problemen in verband met de scheiding van functies.
Monitoring en compliance
Dit is de hoofdverantwoordelijkheid van het lokale management. Dat heeft als opdracht om de interne controles te beoordelen, te implementeren en te updaten.
De afdeling Interne Audit test de interne controles via geselecteerde processen tijdens de beoordelingen van de interne audit. Ze brengt ook verslag uit aan het lokale management, het GMC en het auditcomité.
Interne controle in 2011
Op basis van de geconsolideerde halfjaarrekening van 2011 werden bedrijven, betrokken rekeningen en verbonden processen geselecteerd. Binnen de hele
groep werden processen in kaart gebracht. Een aantal daarvan werd opgenomen in de eerste beoordelingsgolf.
Voor elk proces werden vooraf vragenlijsten ontwikkeld en getest bij een van de grote businessunits.
De beoordeling van de procedures voor de interne controle in het Shared Service Center werd voltooid in 2011. De resterende controles werden opgelijst en de bijsturingsplannen werden goedgekeurd.
De directeurs van de businessunits en hun financieel directeurs zijn verplicht om aan de hand van een compliancevragenlijst schriftelijk te verklaren dat hun financiële rapportering gebaseerd is op betrouwbare gegevens en dat alle wettelijke kwesties en HR- en belastingkwesties bekendgemaakt werden. De lijst bevat ook een verklaring over interne controle waarbij ze hun verantwoordelijkheid voor het ontwerp, de documentatie, de implementatie en de handhaving van een adequaat systeem voor interne controle bevestigen.
Interne controleprocedures voor de voorbereiding en verwerking van de financiële en boekhoudkundige informatie
Controleomgeving
De financiële functie bestaat uit gecentraliseerde functionele afdelingen en de financiële afdeling van elke businessgroep. De bedrijfseenheden zijn verantwoordelijk voor de inhoud
van hun jaarrekeningen en voor hun interne controleprocedures.
Informatie en communicatie
Dankzij het interne informatiesysteem kan de groep de financiële informatie voorleggen die noodzakelijk is om de activiteiten van de bedrijfseenheden te beheren en te controleren. Het is gebaseerd op de breedst verspreide consolidatiesoftware op de markt. Alle procedures worden gedocumenteerd, zowel die in verband met de beveiliging als over het gebruik van het consolidatiesysteem. Via het internetportaal hebben alle financieel managers toegang tot de groepsrichtlijnen en procedures, met inbegrip van de accounting richtlijnen.
Controleactiviteiten
Elke businessgroep heeft een financiële afdeling die verantwoordelijk is voor het toezicht op de prestaties van de bedrijfseenheden. Daarnaast oefent een centrale financiële afdeling toezicht uit op de volledige functie voor financiële controle binnen de groep. De voornaamste onderdelen van het prestatiebeoordelingsproces zitten vervat in een proces voor financiële planning. Dat is opgebouwd uit: een strategisch plan, een begrotingsproces, bijgewerkte kwartaalvooruitzichten en maandelijkse afsluitingen. Elke bedrijfseenheid bereidt hiervoor een maandelijks gedetailleerd financieel verslag voor en twee keer per jaar een volledig consolidatiepakket.
Permanente monitoring
Er gebeuren interne audits van de belangrijkste controleprocedures bij de voorbereiding van de financiële informatie en de daadwerkelijke toepassing ervan in de dochterondernemingen en op de hoofdzetel van de groep.
Deze interne audits zijn onder meer bedoeld om toe te zien op de kwaliteit van de boekhoudkundige en financiële informatie.
Enterprise Risk Management (ERM) System
Risico's zijn een belangrijk en onvermijdelijk aspect van de bedrijfsvoering. Om de risico's te beheersen heeft de groep de voorbije jaren al een aantal procedures uitgewerkt en toegepast.
- Om de impact van kredietrisico's te verminderen, heeft de groep een kredietbeleid opgesteld met betrekking tot aanvragen voor kredietlimieten, goedkeuringsprocedures en voortdurende opvolging van het kredietrisico. Verder wordt de inning voor een deel van de nog uitstaande vorderingen uitbesteed (factoring).
-
De groep stelt op regelmatige basis korte – en langetermijnvooruitzichten op om de financiële middelen te laten overeenstemmen met de vooraf bepaalde noden. Bovendien heeft de groep een aantal kredietlijnen.
-
De groep anticipeert op schommelingen in energieprijzen via een gecentraliseerd aankoopbeleid.
- De groep dekt zich in tegen risico's op het vlak van transacties in vreemde munt. Dochterondernemingen zijn verplicht om voor gefactureerde bedragen (klanten, leveranciers) hun nettopositie in vreemde munt mee te delen aan Tessenderlo Finance NV, een dochteronderneming die specifiek voor dit doel is opgericht. Alle posities worden samengevoegd op het niveau van Tessenderlo Finance NV. De nettosaldi, die erg klein zijn, worden dan aangekocht of verkocht op de markt. Dit gebeurt vooral door de contante aankoop en verkoop van vreemde valuta, gevolgd door valutaswaps.
- Zowel operationele risico's als gezondheids- en veiligheidsrisico's worden tot een minimum beperkt door middel van een systeem dat het productieprocesrisico beheert en risico's in verband met veiligheid, milieu, productie en kwaliteit evalueert. De nodige maatregelen worden getroffen met betrekking tot risicocontrole. Onder meer: preventief onderhoud, voorraad van cruciale onderdelen en operationele procedures. Dankzij de voortdurende focus op risico's is Tessenderlo Group er in 2011 in geslaagd om het aantal ongevallen op groepsniveau met 20 % te verminderen. De afdeling Risk Management voert veiligheidscontroles
uit in verscheidene productieafdelingen. Het risicoaspect wordt beschouwd als een prioriteit bij elke nieuwbouw of bij elke aanpassing aan bestaande faciliteiten. Dat betekent dat de beperking en/of vermindering van bestaande risico's een essentieel onderdeel vormt bij elk project. Verscheidene dochterondernemingen worden jaarlijks gecontroleerd door een externe verzekeringsmaatschappij in samenwerking met de afdeling Risk Management. Tijdens deze bezoeken worden preventieve maatregelen aanbevolen, die Risk Management implementeert. Ook de kleinere dochterondernemingen van de groep ontsnappen niet aan dit proces. De afdeling Risk Management bezoekt hen op regelmatige basis om het risicobewustzijn op peil te houden. Verder bestaat er ook een verzekeringsdekking voor operationele risico's, materiële schade (inclusief alle aspecten met betrekking tot de onderbreking van de activiteiten in alle dochterondernemingen) en operationele en andere aansprakelijkheid.
• Een uitgebreid strategisch planningproces wordt toegepast om een betere controle van de strategische risico's van de groep mogelijk te maken. Dat gebeurt via een grondige doorlichting van de strategie, de ontwikkeling en de inhoud van elk bedrijfssegment en de manier waarop ze aansluiten op de strategie van de groep.
- De naleving van wetten en reglementen en in het bijzonder van de antitrustwetgeving wordt gegarandeerd door een antitrust-complianceprogramma. De antitrust-complianceofficer geeft de noodzakelijke opleiding en houdt toezicht op de uitvoering van het programma.
- In 2010 werd het Enterprise Risk Management-systeem (ERM) voor de hele groep gelanceerd. In 2011 volgde een gedetailleerd onderzoek van het project. Hiervoor werd een Enterprise Risk Managementbeleid opgesteld dat geldt voor de hele groep en alle filialen wereldwijd. Het beleid beschrijft de organisatie, de doelstellingen en de verantwoordelijkheden van het ERM Systeem. Tessenderlo Group heeft bij zijn risicobeheer gekozen voor een dubbele aanpak: (i) aan de ene kant worden de risico's en de risicobeperkende maatregelen periodiek en nauwkeurig in kaart gebracht om zo een volledig beeld te krijgen van de risico's van een bedrijfssegment op één bepaald moment in de tijd; (ii) aan de andere kant gebeurt er een permanente identificatie van nieuwe en verhoogde risico's door in de besluitvorming van de verschillende businessprocessen een risicohoofdstuk op te nemen. De risico's die geïdentificeerd werden tijdens deze processen, worden dan geïntegreerd in de risicolijsten van dat segment. Om te garanderen dat risicobeheer een onlosmakelijk onderdeel wordt van de dagelijkse activiteiten, werd zowel op groepsniveau als op niveau
van de businessgroepen en -units een risicobeheerstructuur ingevoerd. Hoe hoger in de organisatie van het risicobeheer, hoe groter het totaalbeeld van het risico en hoe sterker de nadruk ligt op de effectiviteit van de risicobeheersystemen. Hoe lager in de organisatie, hoe meer het risicobeheer zich toespitst op individuele risico's met acties die bedoeld zijn om één specifiek risico te verkleinen. De risicobeheerstructuur is opgebouwd rond drie rollen: (i) de 'risk owners' (manager – management businessunit / businessgroep –Group Management Committee (met het risicocomité) – raad van bestuur); (ii) multidisciplinaire groepen met experts die de risico's beoordelen en de 'risk owners' advies geven over het beheren van risico's (risicoraden op het niveau van de bedrijfsunits, de businessgroep en de groep, en het auditcomité); (iii) risicocoördinatoren die ERMactiviteiten organiseren en procesondersteuning bieden aan 'risk owners' en risicoexperts (risicocoördinatoren op het niveau van de businessunit/ businessgroep en de groep). In 2010 werden de bestaande risico's geïdentificeerd in de verschillende businessunits en ondersteunende afdelingen. In 2011 werden verscheidene projecten gestart met het oog op een betere beoordeling van deze risico's en de implementatie van de risicooptimalisering. Over de stand van zaken van deze projecten wordt op regelmatige basis verslag uitgebracht aan het
Group Management Committee en het auditcomité.
- De lancering van de 'Group Crisis Management Policy' in 2011 bracht de harmonisering van het crisismanagement in alle bedrijfssegmenten op gang. Risk Management is verantwoordelijk voor de coördinatie van dit beleid op groepsniveau, de begeleiding van de verschillende entiteiten bij het opstellen van een geharmoniseerd crisisplan en de verduidelijking van de verantwoordelijkheden en rapporteringskanalen.
- Een nauwere samenwerking tussen Risk Management, Interne Controle en Interne Audit betekent dat deze afdelingen hun controles en audits veel beter kunnen afstemmen op bestaande risico's.
Beleid inzake voorkennis en marktmanipulatie
Hoofdstuk 7 van het charter beschrijft het bedrijfsbeleid van Tessenderlo Group met betrekking tot voorkennis en marktmanipulatie.
De compliance officer is verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van het bedrijfsbeleid inzake voorkennis en marktmanipulatie. Hij/zij is ook het aanspreekpunt voor vragen over de toepassing van het beleid.
In 2011 werd deze taak uitgevoerd door de Chief Legal Officer.
Externe audit
Klynveld Peat Marwick Goerdeler Bedrijfsrevisoren (KPMG), vertegenwoordigd door Ludo
Ruysen, werd opnieuw aangesteld als commissaris van de groep op de aandeelhoudersvergadering van 1 juni 2010.
De honoraria van Tessenderlo Group aan zijn commissaris bedroegen in 2011:
| (duizend euro) | Audit | Audit gerelateerd |
Andere | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| KPMG (België) | 350 | 4 | 233 | 587 |
| KPMG (buiten België) | 641 | 14 | 95 | 750 |
| Totaal | 991 | 18 | 328 | 1 337 |
Gebeurtenissen na balansdatum
Op 31 januari 2012 kondigde de groep de overname aan van het segment gewasbescherming van de wereldwijde carbaryl-activiteit van Bayer CropScience door Tessenderlo Kerley Inc. (TKI), een dochteronderneming in de Verenigde Staten van Amerika binnen het bedrijfssegment "Tessenderlo Kerley". De acquisitie zal naar verwachting jaarlijks 15 miljoen euro bijkomende omzet genereren voor TKI. TKI verwerft de wereldwijde gewasbeschermingsactiviteit, inclusief de handelsnamen, knowhow, registraties en registratiegegevens.
Toepassing van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen
A. Het warrantplan 2011 en het variabele loon
Uittreksel uit de notulen van de raad van bestuur van 26 oktober 2011
(uittreksel notulen:)
[…]
-* Voorafgaandelijke uiteenzetting *-
De voorzitter zet uiteen:
1. Agenda
De agendapunten te behandelen in aanwezigheid van de notaris zijn de volgende:
- Vaststelling van het niet-bestaan van de warrants van de vorige plannen die niet aanvaard werden.
- Beslissing om 350 000 warrants uit te geven, die elk recht geven op de inschrijving op één (1) nieuwe aandeel van de vennootschap.
- Beslissing om, bij toepassing van artikelen 596 juncto 603 van het Wetboek van vennootschappen, het voorkeurrecht bij inschrijving van de aandeelhouders in het kader van deze uitgifte van warrants op te heffen.
-
Vaststelling van de voorwaarden van uitgifte van de warrants.
-
Beslissing om, onder de opschortende voorwaarde van de uitoefening van de warrants, het maatschappelijk kapitaal te verhogen door de uitgifte van maximum 350 000 nieuwe aandelen, van dezelfde aard en genietend van dezelfde rechten en voordelen als de bestaande aandelen, waarop de intekening uitsluitend aan de warranthouders zal worden voorbehouden.
- Vaststelling van de lijst der begunstigden en van de verdeling der warrants tussen de begunstigden
- Machten te verlenen om de uitvoering van de genomen besluiten te verzekeren.
2. Oproepingen
De oproepingen, die de agenda vermelden, werden aan de bestuurders verzonden op 18 oktober 2011.
3. Quorum
De voorzitter stelt vast dat, gezien de meerderheid van de leden van de raad aanwezig of vertegenwoordigd is, deze geldig kan
beraadslagen over de agendapunten.
4. Toegestaan kapitaal
De voorzitter herinnert aan de raad de machten die hem door de buitengewone algemene vergadering der aandeelhouders van zeven juni tweeduizend en elf werden toegekend, zoals deze in artikel 7, alinea 4, van de statuten, zijn bepaald, namelijk om het maatschappelijk kapitaal in één of meer malen te verhogen tot beloop van een maximum bedrag van veertig miljoen (40 000 000) EUR, uitsluitend in het kader van (i) kapitaalverhogingen voorbehouden aan de personeelsleden van de vennootschap of van haar dochtervennootschappen, (ii) kapitaalverhogingen in het kader van de uitgifte van warrants ten gunste van bepaalde personeelsleden van de vennootschap of van haar dochtervennootschappen, en eventueel, ten behoeve van bepaalde personen die geen personeelslid zijn van de vennootschap of van haar dochtervennootschappen, (iii) kapitaalverhogingen in het kader van een optioneel dividend, ongeacht of in dit kader het dividend rechtstreeks wordt uitbetaald in aandelen dan wel het dividend wordt uitgekeerd in contanten en vervolgens met de uitgekeerde contanten kan worden ingeschreven op aandelen, in voorkomend geval met een opleg in geld en (iv) kapitaalverhogingen die geschieden door omzetting van reserves of overige posten van het eigen vermogen, teneinde toe te laten om het bedrag van het maatschappelijk kapitaal af te ronden naar een passend rond bedrag.
De voorzitter herinnert tevens aan de inhoud van artikel 8, in fine der statuten, dat stelt dat in het kader van het toegestaan kapitaal, de raad van bestuur in het belang van de vennootschap kan besluiten tot beperking of opheffing van het voorkeurrecht van de bestaande aandeelhouders, zelfs indien deze beperking of opheffing gebeurt ten gunste van één of meer bepaalde personen die geen personeelsleden zijn van de vennootschap of van één of meerdere van haar dochtervennootschappen, inzoverre wettelijk toegestaan.
De voorzitter herinnert eveneens aan de raad de inhoud van het verslag dat de raad in uitvoering van artikel 604, derde lid, van het Wetboek van vennootschappen heeft opgesteld ten einde de voormelde toelating om het kapitaal te verhogen te verkrijgen, verslag waarin wordt aangegeven in welke bijzondere omstandigheden hij gebruik zal kunnen maken van het toegestaan kapitaal en welke doeleinden hij daarbij zal nastreven.
Verslagen
De heer voorzitter overhandigt aan ondergetekende notaris, om bij deze akte gevoegd te worden, het bijzonder verslag door de raad van bestuur voorgeschreven door de artikelen 583, 596 juncto 603 van het Wetboek van vennootschappen.
Er werd een verslag door de commissaris opgesteld in toepassing van dezelfde beschikkingen; dit verslag wordt overhandigd aan ondergetekende notaris.
Artikel 523
De voorzitter zet uiteen aan de raad van bestuur dat de heer Frank Coenen, bestuurder, medegedeeld heeft dat hij een belang van vermogensrechtelijke aard heeft bij de gezegde beslissingen betreffende het warrantenplan nu hij tevens begunstigde van Schijf 2011 van voormelde warrantenplan is.
Overeenkomstig artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen, onthoudt deze bestuurder zich ervan om de beraadslagingen van de raad van bestuur omtrent deze beslissingen bij te wonen en aan de stemming deel te nemen.
Besluiten
Dit uiteengezet zijnde en gebruik makende van de machten hem toegekend door artikel 7 van de statuten, verklaart de raad van bestuur, met eenparigheid van stemmen, de volgende beslissingen te nemen :
Eerste besluit
De raad stelt het niet-bestaan vast van de warrants van de vorige plannen die niet aanvaard werden.
Tweede besluit
De raad beslist om een plan van uitgifte van warrants vast te stellen, waardoor een totaal van maximaal 350 000 warrants die recht geven op nieuwe aandelen Tessenderlo Chemie aan topdirecteuren van Tessenderlo Chemie en haar dochtervennootschappen aangeboden wordt.
Het plan bestaat uit één (1) enkele schijf, te weten de Schijf 2011.
Bij toepassing van artikel 596 juncto 603 van het Wetboek van vennootschappen, beslist de raad het voorkeurrecht bij inschrijving van de aandeelhouders in het kader van de zopas besloten uitgifte van warrants op te heffen, ten voordele van de begunstigden van de uitgifte die voorkomen op de lijst die aan de raad van bestuur wordt voorgelegd en die door hem wordt goedgekeurd.
De raad beslist de uitgifte van de warrants te onderwerpen aan de voorwaarden zoals beschreven in het verslag van de raad van bestuur en in de informatiebrochure, en in het bijzonder aan de volgende voorwaarden:
a. Toewijzing
De warrants worden gratis toegekend.
De begunstigden zijn personen tewerkgesteld onder een arbeidscontract met Tessenderlo Chemie of één van haar dochterondernemingen. Zij kunnen slechts intekenen op deze schijf voorzover zij, op het moment van het aanbod, Tessenderlo Group niet verlaten hebben om welke reden dan ook.
Een nominatieve lijst van de hierboven vermelde personen die kunnen deelnemen aan de inschrijving op de warrants van deze schijf 2011 alsook de verdeling der warrants tussen deze begunstigden, moet goedgekeurd worden door de raad van bestuur, op advies van het benoemings- en vergoedingscomité.
b. Aanbod
Als datum van het aanbod zal gelden 26 oktober 2011 (hierna "het aanbod"). De begunstigden moeten ten laatste op 25 december 2011, bevestigen of ze de aanbieding aanvaarden en voor welk aantal warrants de aanvaarding geldt.
De warrants die niet in de termijn van het aanbod aanvaard zijn, zullen beschouwd worden als nietbestaand.
c. Aard van de warrants
De warrants zijn nominatief en mogen niet onder levenden worden overgedragen.
d. Uitoefeningsprijs van de warrants
De warrants geven recht om in te schrijven op nieuwe aandelen uit te geven door de vennootschap aan de prijs die zal berekend worden volgens volgende berekeningswijze aan de lagere waarde van :
- ofwel de gemiddelde slotkoers van het aandeel Tessenderlo Chemie op NYSE Euronext Brussels gedurende dertig dagen die het aanbod voorafgaan,
- ofwel de laatste slotkoers van het aandeel Tessenderlo Chemie op NYSE Euronext Brussels die voorafgaat aan de dag van het aanbod,
Concreet bedraagt de uitoefenprijs van de warrants dus eenentwintig euro en tweeënzeventig cent (21,72 EUR).
De uitoefenprijs van de warrants zal, voor sommige deelnemers die geen Belgisch rijksinwoner zijn, gelijk zijn aan zulke uitoefenprijs als van toepassing onder de vigerende wetgeving voor aandelenoptieplannen in de respectievelijke landen van de verschillende deelnemers, met dien verstande dat deze uitoefenprijs zo nauw mogelijk aansluit met de uitoefenprijs in toepassing van het huidige optieplan.
• Voor de Amerikaanse verblijfhouders is de uitoefeningsprijs gelijk aan de prijs van de gewone aandelen Tessenderlo Chemie bij sluiting van de beurs op de dag van het aanbod.
De concrete uitoefenprijs van de warrants voor de Amerikaanse verblijfhouders, berekend zoals hierboven bepaald, zal worden vastgesteld op 26 oktober 2011 (na beurs) door de secretaris van de raad van bestuur.
In geval van verwezenlijking van een operatie die een weerslag heeft op de vertegenwoordiging van het maatschappelijk kapitaal of een aanzienlijke invloed op het eigen vermogen per aandeel, zoals uitzonderlijke dividenduitkering of incorporatie van reserves in het kapitaal met toekenning van gratis aandelen, kan de uitoefenprijs van de warrants door de raad van bestuur aangepast worden, teneinde de belangen van de warranthouders te vrijwaren.
Het verschil tussen de inschrijvingsprijs en de fractiewaarde van het ingetekend aandeel vertegenwoordigt een uitgiftepremie, welke de bestemming zal krijgen zoals
voorzien in artikel 7, derde alinea, van de statuten.
e. Uitoefeningstermijn van de warrants
Om te genieten van het verlaagde percentage van 7,5% (voor deelnemers die Belgisch rijksinwoner zijn) (in plaats van 15%) om het voordeel van alle aard, gepaard gaande met de aanvaarding van de warrants te berekenen, mogen de warrants niet uitgeoefend worden vóór het einde van het derde kalenderjaar na dat waarin het aanbod heeft plaatsgevonden. De warrants zijn dus uitoefenbaar gedurende het vierde en het vijfde jaar volgend op het jaar van het aanbod, hetzij in 2015 en 2016. In elk van deze jaren zullen de uitoefenperiodes geopend zijn vanaf de vijfde bancaire werkdag na de goedkeuring van de jaarrekening, goedgekeurd door de gewone algemene vergadering van aandeelhouders tot en met de vijftiende bancaire werkdag vóór het einde van de betreffende kalenderjaren. Binnen deze uitoefenperiodes zullen de warrants niet uitgeoefend mogen worden in de gesloten periodes en in voorkomend geval, de occasionele sperperiodes (overeenkomstig Corporate Governance Charter van Tessenderlo Chemie). Dergelijk verbod geldt onder andere gedurende de 30 kalenderdagen die de publicatie van de resultaten van Tessenderlo Group voorafgaan en de dag van de publicatie zelf.
f. Uitoefeningsmodaliteiten van de warrants
Het schriftelijk verzoek met betrekking tot uitoefening van warrants moet worden gericht aan de vennootschap gedurende de uitoefenperiodes van de warrants. De storting van de prijs van de aandelen moet worden verricht op de ten dien einde geopende bankrekening.
g. Nieuwe aandelen
De creatie en de terbeschikkingstelling van de nieuwe aandelen zullen plaats vinden na de vaststelling van de kapitaalverhoging bij notariële akte, naargelang de aanvraag van de intekenaar en binnen de beperkingen voorzien door de wet, onder de vorm van gedematerialiseerde effecten.
De nieuwe aandelen geven recht op de dividenden die worden uitgekeerd voor het boekjaar waarin de inschrijving is gebeurd.
h. Opschortende voorwaarde
De toegekende warrants moeten door de begunstigden aanvaard worden.
i. Belastingen, kosten en bijdragen
De belastingen, kosten en bijdragen die opeisbaar zouden zijn in het kader van deze operatie of van de operaties die er rechtstreeks of onrechtstreeks uit voortvloeien, zijn ten laste van de warranthouder.
Derde besluit
Onder de opschortende voorwaarde van de aanvaarding van de warrants waarvan de uitgifte zopas werd besloten, beslist de raad het maatschappelijk kapitaal te verhogen ten belope van maximum een miljoen zevenhonderd vijftigduizend euro (1 750 000 EUR) door de uitgifte van maximum 350 000 nieuwe aandelen, van dezelfde aard en genietend van dezelfde rechten en voordelen als de bestaande aandelen, waarop de intekening uitsluitend aan de warranthouders zal worden voorbehouden.
Vierde besluit
De raad beslist, op basis van het advies van het benoemings- en vergoedingscomité, om de lijst der begunstigden en de verdeling der warrants tussen de begunstigden vast te stellen zoals opgenomen in de lijst die aan deze akte zal gehecht worden.
Vijfde besluit
De raad beslist alle machten te verlenen aan de secretaris van de raad van bestuur om de uitoefenprijs van de warrants voor de Amerikaanse verblijfhouders vast te stellen op basis van de door de raad van bestuur vastgestelde criteria.
De raad beslist alle machten te verlenen aan elke huidige of toekomstige bestuurder van de vennootschap en/of de secretaris van de raad van bestuur van de vennootschap, met het recht samen of afzonderlijk op te treden en het recht om deze bevoegdheid over te dragen, teneinde :
a) de uitvoering van de genomen besluiten te verzekeren, waaronder de verwezenlijking van de kapitaalverhoging en vast te stellen dat de voorwaarden
gesteld door de raad voor haar verwezenlijking vervuld zijn;
b) overeenkomstig artikel 591 van het Wetboek van vennootschappen het aantal nieuwe uitgegeven aandelen, hun volstorting, de bijbehorende verwezenlijking van de kapitaalverhoging en de daaruit volgende wijziging van de statuten, te laten vaststellen.
[…]
(Uittreksel verslag)
[…]
Tijdens dit plan zou de uitoefening van de totaliteit van de warrants van deze Schijf 2011 kunnen leiden tot een maximale financiële verwatering voor de bestaande aandeelhouders van 0,23 %, tot een verwatering op het gebied van winst- en stemrechten van 1,1713 % en tot een verwatering van 0,141 % op eigen vermogen, rekening houdend met het aantal effecten in omloop op 26 oktober 2011. […]
B. De bezoldiging van de CEO voor 2010 en 2011
(Uittreksel notulen :)
[…]
Op de raad van bestuur van 23 februari 2011 – vóór de raad had beraadslaagd of een beslissing had genomen – verklaarde Frank Coenen dat hij een rechtstreeks belangenconflict had van vermogensrechtelijke aard met de uitvoering van de besluiten van
de raad met betrekking tot zijn bezoldiging.
Overeenkomstig artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen nam Frank Coenen niet deel aan de beraadslaging van de raad over deze beslissing en aan de stemming.
[...]
Na het verslag over de activiteiten keurde de raad van bestuur – na advies van het benoemings- en vergoedingscomité – het variabele loon voor 2010 goed en de bonus voor 2011. Die werd bepaald op 50 % van het vaste loon van 512 275 euro.
Naast zijn bezoldiging als bestuurder van 53 679 euro werd het vaste loon van Frank Coenen voor 2011 bepaald op 512 275 euro. Dat brengt het totale vaste loon op 565 954 euro.
[...]
Raadpleeg voor meer details over de bezoldiging van de CEO het hoofdstuk over de bezoldigingen.
Informatie vereist door artikel 34 van het koninklijk besluit van 14 november 2007
Artikel 34 van het koninklijk besluit van 14 november 2007 verplicht Tessenderlo Chemie NV om in het jaarverslag een overzicht te geven van en uitleg te geven over bepaalde elementen in het voornoemde koninklijk besluit, voor zover deze elementen gevolgen
hebben in geval van een openbaar overnamebod. Deze informatie staat hieronder vermeld.
Overeenkomstig de geldende bepaling van het Belgische Wetboek van vennootschappen kunnen de aandelen die uitgegeven zijn voor de personeelsleden van Tessenderlo Group, niet worden overgedragen gedurende een periode van vijf jaar vanaf de datum van de inschrijving op de aandelen.
De raad van bestuur kan voor een periode van maximaal drie jaar vanaf de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van het besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders van 11 mei 2011, aandelen, winstbewijzen of certificaten in verband hiermee van Tessenderlo Chemie NV verwerven, zonder een voorafgaande beslissing van de algemene vergadering, via een overname of een ruil, rechtstreeks of onrechtstreeks, indien deze aankoop noodzakelijk is om het bedrijf te beschermen tegen dreigende en ernstige schade. De raad van bestuur kreeg eveneens de toestemming om over te gaan tot kapitaalverhogingen in de context van het toegestane kapitaal in het kader van een keuzedividend. Kapitaalverhogingen als dusdanig gebeuren dus niet met beperking of nietigverklaring van het voorkeurrecht van de aandeelhouders. Dergelijke kapitaalverhogingen zouden – theoretisch gezien – kunnen plaatsvinden bij een openbaar overnamebod en kunnen daarop een impact hebben.
Tessenderlo Chemie NV is een van de partijen in de hieronder vermelde contracten die in werking
treden, wijzigingen ondergaan of aflopen ingeval Tessenderlo Chemie NV een controlewijziging ondergaat na een openbaar overnamebod:
• De kredietovereenkomst die afgesloten werd op 26 februari 2010 (zoals gewijzigd op 20 december 2010 en gewijzigd en herverwoord op 28 april 2011) voor een maximaal bedrag van 450 miljoen euro tussen, onder andere, Tessenderlo Chemie NV als Company, Guarantor en Borrower, Tessenderlo Finance NV en Tessenderlo NL Holding B.V. als Guarantors en Borrowers, sommige dochterbedrijven van Tessenderlo Chemie NV als Guarantors, Commerzbank Aktiengesellschaft, Crédit Agricole Corporate en Investment Bank SA, Fortis Bank NV/SA, ING Bank N.V. en KBC Bank NV als Mandated Lead Arrangers, ING Bank N.V. als Facility Agent en Swingline Agent en KBC Bank NV als Issuing Bank (de 'Kredietovereenkomst'): overeenkomstig de voorwaarden van deze overeenkomst kan een 'controlewijziging' van Tessenderlo Chemie NV leiden tot een gedeeltelijke of volledige annulering van de Kredietovereenkomst. Daardoor kan Tessenderlo Chemie NV verplicht worden om het geld dat zij geleend heeft in het kader van de Kredietovereenkomst gedeeltelijk of geheel terug te betalen en een volledige dekking in contant geld te bieden voor een aantal of voor alle op dat moment uitstaande kredietbrieven in het kader van de Kredietovereenkomst. In de Kredietovereenkomst betekent 'controle' over Tessenderlo Chemie NV de
rechtstreekse of onrechtstreekse eigendom van meer dan 50 procent van de stemrechten in de vennootschap. De voornoemde 'controlewijziging'-clausule werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van Tessenderlo Chemie NV op 1 juni 2010 en opnieuw op 7 juni 2011 (door de wijziging en aanpassing van de Kredietovereenkomst). Een kopie van dit besluit werd meteen daarna neergelegd op de griffie van de rechtbank van koophandel.
• Het prospectus op datum van 25 oktober 2010 van Tessenderlo Chemie NV met betrekking tot de uitgifte van 'senior unsecured bonds', die vervallen op 27 oktober 2015, voor een bedrag van 150 miljoen euro: overeenkomstig de voorwaarden en bepalingen van deze obligaties geeft een 'controlewijziging' bij Tessenderlo Chemie NV elke obligatiehouder het recht om van Tessenderlo Chemie NV te eisen om zijn obligaties te terug te betalen, door een kennisgeving van uitoefening van de put-optie bij 'controlewijziging' in te dienen. Als obligatiehouders als gevolg daarvan kennisgevingen van uitoefening van putoptie bij 'controlewijziging' indienen met betrekking tot minstens 85 % van het op dat moment uitstaande totale bedrag in hoofdsom , dan mag Tessenderlo Chemie NV alle op dat moment uitstaande obligaties terugbetalen. Voor doeleinden van de voornoemde clausule van controlewijziging vindt een 'controlewijziging' plaats wanneer een aanbod wordt gedaan door enige persoon aan alle aandeelhouders van Tessenderlo Chemie NV andere dan de bieder en/of alle in onderling overleg handelende partijen, om alle of een meerderheid van de gewone aandelen van Tessenderlo Chemie NV te verwerven en wanneer de bieder gewone aandelen of stemrechten van Tessenderlo Chemie NV heeft verworven of, na bekendmaking van de resultaten van zulk bod, en na beëindiging van het bod, daar het recht toe heeft als gevolg van dat aanbod, zodat hij rechtstreeks of onrechtstreeks meer dan 50 % van de stemrechten van Tessenderlo Chemie NV in handen krijgt. Voornoemde clausule voor de controlewijziging werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van Tessenderlo Chemie NV op 7 juni 2011. Snel daarna werd een kopie van dat besluit neergelegd op de griffie van de rechtbank van koophandel.
• De voorwaarden en bepalingen van de obligatielening met warranten die uitgegeven werden in het kader van het Plan 2002-2006, het Plan 2007-2011 en het Plan 2011 van Tessenderlo Chemie NV: overeenkomstig de voornoemde voorwaarden hebben de warranthouders het recht om hun warranten uit te oefenen vóór de datum waarop ze normaliter uitoefenbaar worden, als er zich een gebeurtenis voordoet die een significante impact heeft op de aandeelhoudersstructuur. Deze paragraaf heeft ook betrekking op elk openbaar overnamebod op de aandelen van Tessenderlo Chemie NV of op elke andere vorm van overname of fusie die zou leiden tot een
herverdeling van de effecten. Een vroegtijdige uitoefening stelt warranthouders in staat om deel te nemen aan de voornoemde transacties onder dezelfde voorwaarden als de bestaande aandeelhouders. Op 31 december 2011 waren er 1 174 389 warranten in omloop. De voornoemde clausules werden goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van Tessenderlo Chemie NV op 7 juni 2011. Meteen daarna werd een kopie van dat besluit neergelegd op de griffie van de rechtbank van koophandel.
Dividendbeleid
Het dividendbeleid blijft ongewijzigd. Tessenderlo Group streeft ernaar om een stabiel brutodividend per aandeel te behouden, onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar, zonder daarbij de financiële positie van de groep uit het oog te verliezen.
Op de algemene vergadering van juni 2012 zal Tessenderlo Group zijn aandeelhouders voor het boekjaar 2011 een brutodividend per aandeel van 1,3333 euro voorstellen. Dat is hetzelfde bedrag als vorig jaar.
Informatie vereist door artikel 96, §2, 2° Wetboek van vennootschappen
(afwijkingen van het Belgische Corporate Governance Charter 2009)
In 2011 was er geen regel die een aandeelhouder die niet meer dan 5 % van de stemrechten vertegenwoordigde, het recht gaf om voorstellen te formuleren voor de algemene vergadering (afwijking van 8.8 van het Corporate Governance Charter). Maar sinds 1 januari 2012, overeenkomstig de wet van 20 december 2010 over de rechten van aandeelhouders, kunnen aandeelhouders die minstens 3 % van het kapitaal in handen hebben onderwerpen toevoegen aan de agenda van de algemene vergadering en kunnen zij voorstellen tot besluit indienen.
De samenstelling van de raad van bestuur voldoet aan de doelstelling van complementaire vaardigheden in termen van competenties, ervaring en kennis van zaken. In het licht van de huidige mandaten beantwoordt de samenstelling echter niet aan de bepalingen van het charter met betrekking tot genderdiversiteit (afwijking van 2.1 van het Corporate Governance Charter). Aangezien er een strategische herschikking aan de gang was, werd continuïteit beschouwd als een belangrijkere factor. Op de aandeelhoudersvergadering van juni 2011 is er een stap gezet in de richting van genderdiversiteit door de benoeming van mevrouw Dominique Damon als onafhankelijke bestuurder.
De huidige voorzitter van de raad van bestuur is de vorige CEO van het bedrijf (afwijking van 4.7 van het Corporate Governance Charter). Aangezien er een strategische herschikking aan de gang was, werd continuïteit beschouwd als een belangrijkere factor. Door zijn vorige functie als CEO van het bedrijf, ontvangt de voorzitter van de raad
van bestuur nog altijd bepaalde voordelen van alle aard, zoals een bedrijfswagen en een mobiele telefoon (afwijking van 7.7 van het Corporate Governance Charter).
Er bestaat momenteel geen formele evaluatieprocedure voor het benoemings- en vergoedingscomité (afwijking van 4.11 van het Corporate Governance Charter). Het is de bedoeling dat het benoemings- en vergoedingscomité wordt geëvalueerd in de loop van 2012 volgens een procedure die vergelijkbaar is met die voor het auditcomité.
Er is evenmin een formele evaluatieprocedure voor individuele bestuurders (afwijking van 4.13 van het Corporate Governance Charter). Het bedrijf is van mening dat een individuele evaluatie van de bestuurders alleen mogelijk is indien het evaluatieproces wordt toevertrouwd aan een extern bedrijf. Dit is een mogelijkheid die het bedrijf niet in aanmerking neemt. Het bedrijf is er wel van overtuigd dat de formele evaluatie van de raad van bestuur – waarvoor het de standaardvragenlijst van Guberna gebruikt (Belgisch Instituut voor Bestuurders), zoals beschreven in hoofdstuk 6.3.2 – voldoende is om een actieve en correcte bijdrage van elk lid van de raad te waarborgen.
Financieel jaarverslag
OMDAT WE TRANSPARANT WILLEN ZIJN IN ONZE FINANCIELE COMMUNICATIE
Geconsolideerde financiële staten
GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING
De groep verkocht in juni 2011 de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten aan Kerling (via Ineos ChlorVinlyls). In overeenstemming met IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten, werd een opsplitsing gemaakt tussen de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten in de winst- en verliesrekening. Deze opsplitsing is van toepassing op de Pvc/ Chloor-alkali activiteiten voor de cijfers van 2011, alsook voor de vergelijkende cijfers van 2010. De verkochte Organische chloorderivaten activiteiten worden beschouwd als activa en schulden die werden afgestoten.
| (miljoen EUR) | toelichting | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| Voortgezette bedrijfsactiviteiten | |||
| Omzet | 2 126,0 | 2 024,0 | |
| Kostprijs verkopen | -1 690,1 | -1 632,1 | |
| Brutowinst | 435,9 | 391,9 | |
| Distributiekosten | -98,9 | -104,6 | |
| Verkoop- en marketingkosten | -69,2 | -64,2 | |
| Administratieve kosten | -152,8 | -134,7 | |
| Overige bedrijfsopbrengsten en -kosten | 6 | -10,1 | -15,4 |
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) vóór niet-recurrente bestanddelen (REBIT) | 104,9 | 73,0 | |
| Opbrengsten en verliezen uit verkopen | 7 | 11,2 | 22,2 |
| Voorzieningen en geschillen | 7 | 2,1 | 13,4 |
| Herstructurering | 7 | -5,6 | -11,6 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 7 | -0,7 | -14,8 |
| Overige opbrengsten en kosten | 7 | -6,0 | -6,2 |
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) (EBIT) | 105,9 | 76,0 | |
| Financieringskosten | 10 | -45,9 | -40,2 |
| Financieringsopbrengsten | 10 | 20,4 | 11,3 |
| Financieringskosten - netto | -25,6 | -28,8 | |
| Aandeel in het resultaat van deelnemingen opgenomen volgens | 15 | 5,9 | 1,6 |
| de vermogensmutatiemethode, na winstbelasting | |||
| Winst (+) / verlies (-) vóór belastingen | 86,2 | 48,8 | |
| Belastingen op het resultaat | 11 | -28,3 | -15,7 |
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode - Voortgezette bedrijfsactiviteiten | 57,9 | 33,0 | |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | |||
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode - Beëindigde bedrijfsactiviteiten, | 5 | -153,6 | -12,8 |
| na winstbelasting | |||
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode | -95,6 | 20,3 | |
| Toerekenbaar aan : | |||
| - Aandeelhouders van de vennootschap | -95,5 | 20,7 | |
| - Minderheidsbelang | -0,1 | -0,4 | |
| Gewone winst per aandeel (EUR) | 23 | -3,23 | 0,70 |
| Verwaterde winst per aandeel (EUR) | 23 | -3,23 | 0,70 |
| Gewone winst per aandeel (EUR) - Voortgezette bedrijfsactiviteiten | 23 | 1,96 | 1,14 |
| Verwaterde winst per aandeel (EUR) - Voortgezette bedrijfsactiviteiten | 23 | 1,96 | 1,14 |
GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN
| (miljoen EUR) | toelichting | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode | -95,6 | 20,3 | |
| Omrekeningsverschillen | 22 | -8,6 | 15,7 |
| Netto wijziging in reële waarde van afgeleide fi nanciële instrumenten | 28 | -5,7 | -1,4 |
| Winstbelasting op niet-gerealiseerde resultaten | 1,9 | 0,5 | |
| Niet-gerealiseerde resultaten over de verslagperiode, na winstbelasting | -12,4 | 14,8 | |
| Gerealiseerde en niet-gerealiseerde winsten (+) en verliezen (-) | -108,0 | 35,1 | |
| over de verslagperiode | |||
| Toerekenbaar aan : | |||
| - Aandeelhouders van de vennootschap | -108,2 | 35,5 | |
| - Minderheidsbelang | 0,2 | -0,4 | |
| Gerealiseerde en niet-gerealiseerde winsten (+) en verliezen (-) over de verslagperiode |
-108,0 | 35,1 |
GECONSOLIDEERDE BALANS
| (miljoen EUR) | toelichting | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| Activa | |||
| Totaal vaste activa | 695,3 | 877,9 | |
| Materiële vaste activa | 12 | 518,8 | 682,2 |
| Goodwill | 13 | 55,0 | 53,4 |
| Overige immateriële activa | 14 | 58,1 | 61,2 |
| Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode | 15 | 20,8 | 27,7 |
| Overige beleggingen | 16 | 5,7 | 6,7 |
| Uitgestelde belastingsvorderingen | 17 | 7,4 | 23,7 |
| Handels- en overige vorderingen | 18 | 29,5 | 22,9 |
| Totaal vlottende activa | 676,6 | 800,4 | |
| Voorraden | 19 | 350,8 | 349,7 |
| Handels- en overige vorderingen | 18 | 290,9 | 299,5 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 28 | 0,0 | 0,7 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 20 | 34,9 | 150,5 |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 21 | 7,8 | 18,1 |
| Totaal activa | 1 379,7 | 1 696,5 |
| 2011 | 2010 | ||
|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | toelichting | ||
| Eigen vermogen en schulden | |||
| Eigen vermogen | |||
| Eigen vermogen toerekenbaar aan aandeelhouders van de vennootschap | 22 | 600,3 | 724,8 |
| Geplaatst kapitaal | 22 | 147,9 | 143,7 |
| Uitgiftepremies | 22 | 73,5 | 57,5 |
| Reserves en overgedragen winst | 22 | 378,9 | 523,6 |
| Minderheidsbelang | 22 | 4,3 | 3,7 |
| Totaal eigen vermogen | 604,6 | 728,6 | |
| Schulden | |||
| Totaal schulden op meer dan één jaar | 309,0 | 362,2 | |
| Financiële schulden | 24 | 180,5 | 195,4 |
| Personeelsbeloningen | 25 | 30,6 | 38,2 |
| Voorzieningen | 26 | 56,1 | 65,9 |
| Handels- en overige schulden | 27 | 2,4 | 30,2 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 28 | 8,8 | 0,8 |
| Uitgestelde belastingschulden | 17 | 30,6 | 31,6 |
| Totaal schulden op ten hoogste één jaar | 466,1 | 599,2 | |
| Kortetermijnschulden bij kredietinstellingen | 24 | 0,7 | 7,1 |
| Financiële schulden | 24 | 73,2 | 110,0 |
| Handels- en overige schulden | 27 | 379,3 | 469,6 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 28 | 1,6 | 0,2 |
| Te betalen belastingen | 3,0 | 0,4 | |
| Voorzieningen | 26 | 8,4 | 11,9 |
| Verplichtingen aangehouden voor verkoop | 21 | 0,0 | 6,5 |
| Totaal schulden | 775,1 | 967,9 | |
| Totaal eigen vermogen en schulden | 1 379,7 | 1 696,5 |
GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN WIJZIGINGEN IN HET EIGEN VERMOGEN
| Eigen vermogen toereken baar |
|||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| aan de aandeel |
|||||||||||
| Om | Her waarde |
Indek | Over | houders van de |
Minder | Totaal | |||||
| Geplaatst | Uitgifte | Wettelijke | rekenings | rings | kings | gedragen | vennoot | heids | eigen | ||
| (miljoen EUR) | toelichting | kapitaal | premies | reserves | verschillen | reserves | reserves | winst | schap | belang | vermogen |
| Saldo op 1 januari 2010 | 139,0 | 43,9 | 13,8 | -30,0 | 10,7 | -1,6 | 529,4 | 705,2 | 2,3 | 707,5 | |
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode |
- | - | - | - | - | - | 20,7 | 20,7 | -0,4 | 20,3 | |
| Niet-gerealiseerde resultaten | |||||||||||
| over de verslagperiode | |||||||||||
| - Omrekeningsverschillen | - | - | - | 15,6 | - | - | - | 15,6 | 0,1 | 15,7 | |
| - Netto wijziging in de reële | - | - | - | - | - | -0,9 | - | -0,9 | - | -0,9 | |
| waarde van afgeleide fi nanciële | |||||||||||
| instrumenten, na winstbelasting | |||||||||||
| Gerealiseerde en niet | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 15,6 | 0,0 | -0,9 | 20,7 | 35,4 | -0,3 | 35,1 | |
| gerealiseerde resultaten | |||||||||||
| over de verslagperiode, na winstbelastingen |
|||||||||||
| Transacties met aandeelhouders, | |||||||||||
| rechtstreeks verwerkt in het eigen | |||||||||||
| vermogen | |||||||||||
| - Uitgegeven aandelen | 22 | 0,5 | 0,8 | - | - | - | - | - | 1,3 | - | 1,3 |
| - Uitgegeven aandelen | 22 | 4,2 | 12,7 | - | - | - | - | - | 16,9 | - | 16,9 |
| (dividend in aandelen) | |||||||||||
| - Uitgekeerde dividenden | 22 | - | - | - | - | - | - | -37,1 | -37,1 | - | -37,1 |
| - Warranten en kapitaalverhoging | - | - | - | - | - | - | 3,0 | 3,0 | - | 3,0 | |
| Totaal van de bijdragen door en | 4,7 | 13,5 | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 0,0 | -34,1 | -15,9 | 0,0 | -15,9 | |
| uitkeringen aan aandeelhouders | |||||||||||
| Wijziging in de consolidatiekring | - | - | - | - | - | - | - | 0,0 | 1,7 | 1,7 | |
| Saldo op 31 december 2010 | 143,7 | 57,5 | 13,8 | -14,4 | 10,7 | -2,5 | 516,0 | 724,8 | 3,7 | 728,5 | |
| Saldo op 1 januari 2011 | 143,7 | 57,5 | 13,8 | -14,4 | 10,7 | -2,5 | 516,0 | 724,8 | 3,7 | 728,5 | |
| Winst (+) / verlies (-) | - | - | - | - | - | - | -95,5 | -95,5 | -0,1 | -95,6 | |
| over de verslagperiode | |||||||||||
| Niet-gerealiseerde resultaten | |||||||||||
| over de verslagperiode | |||||||||||
| - Omrekeningsverschillen | - | - | - | -9,0 | - | - | - | -9,0 | 0,3 | -8,6 | |
| - Netto wijziging in de reële | - | - | - | - | - | -3,8 | - | -3,8 | - | -3,8 | |
| waarde van afgeleide fi nanciële | |||||||||||
| instrumenten, na winstbelasting | |||||||||||
| Gerealiseerde en niet | 0,0 | 0,0 | 0,0 | -9,0 | 0,0 | -3,8 | -95,5 | -108,2 | 0,2 | -108,0 | |
| gerealiseerde resultaten over de verslagperiode, |
|||||||||||
| na winstbelastingen | |||||||||||
| Transacties met aandeelhouders, | |||||||||||
| rechtstreeks verwerkt in het eigen | |||||||||||
| vermogen | |||||||||||
| - Uitgegeven aandelen | 22 | 0,5 | 1,7 | - | - | - | - | - | 2,2 | - | 2,2 |
| - Uitgegeven aandelen (dividend in aandelen) |
22 | 3,7 | 14,4 | - | - | - | - | - | 18,1 | - | 18,1 |
| - Uitgekeerde dividenden | 22 | - | - | - | - | - | - | -38,3 | -38,3 | - | -38,3 |
| - Warranten en kapitaalverhoging | - | - | - | - | - | - | 1,7 | 1,7 | - | 1,7 | |
| Totaal van de bijdragen door en | 4,2 | 16,0 | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 0,0 | -36,6 | -16,3 | 0,0 | -16,3 | |
| uitkeringen aan aandeelhouders | |||||||||||
| Overige bewegingen | - | - | 0,6 | - | - | - | -0,6 | 0,0 | - | 0,0 | |
| Wijziging in de consolidatiekring Saldo op 31 december 2011 |
- 147,9 |
- 73,5 |
- 14,4 |
- -23,4 |
- 10,7 |
- -6,3 |
- 383,5 |
0,0 600,3 |
0,3 4,3 |
0,3 604,6 |
| (miljoen EUR) | toelichting | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| Bedrijfsactiviteiten | |||
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode | -95,6 | 20,3 | |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen op materiële vaste activa, goodwill en overige immateriële activa |
9/12/13/14 | 247,7 | 130,2 |
| Bijzondere waardeverminderingen op overige beleggingen | 16 | - | 1,1 |
| Wijzigingen in voorzieningen | -3,8 | -46,3 | |
| Financieringskosten | 10 | 47,2 | 40,2 |
| Financieringsopbrengsten | 10 | -20,9 | -11,6 |
| Winst van de verkoop van vaste activa | -9,5 | -24,9 | |
| Aandeel in het resultaat van deelnemingen opgenomen volgens de ver mogensmutatiemethode, na winstbelasting |
-5,9 | -1,6 | |
| Belastingen op het resultaat | 11 | 28,9 | 10,1 |
| Overige niet-kasbewegingen | -4,9 | -0,5 | |
| Wijzigingen in voorraden | -58,2 | 13,9 | |
| Wijziging in handels- en overige vorderingen | -96,1 | -17,1 | |
| Wijziging in handels- en overige schulden | -39,1 | 79,3 | |
| Cash uit bedrijfsactiviteiten | -10,3 | 193,1 | |
| Betaalde interesten | -12,6 | -11,9 | |
| Ontvangen interesten | 1,2 | 1,4 | |
| Overige betaalde fi nancieringskosten | -8,0 | -9,5 | |
| Betaalde belastingen op het resultaat | -27,7 | -18,6 | |
| Ontvangen dividenden van ondernemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode |
32 | 8,8 | 5,0 |
| Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten | -48,6 | 159,5 | |
| Investeringsactiviteiten | |||
| Aanschaffi ng van materiële vaste activa | 12 | -106,5 | -117,1 |
| Aanschaffi ng van overige immateriële activa | 14 | -7,1 | -3,7 |
| Aanschaffi ng van deelnemingen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode |
-3,0 | -9,3 | |
| Aanschaffi ng van overige activiteiten, na aftrek van verworven geldmiddelen | 4 | -7,6 | - |
| Aanschaffi ng van overige beleggingen | - | -1,6 | |
| Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa | 6,1 | 11,0 | |
| Ontvangsten uit de verkoop van overige immateriële activa | 0,1 | 2,2 | |
| Ontvangsten uit de verkoop van dochterondernemingen, na aftrek van afgestane geldmiddelen |
4 | 143,7 | 24,2 |
| Ontvangsten uit de verkoop van overige beleggingen | - | 3,6 | |
| Kasstromen uit investeringsactiviteiten | 25,7 | -90,7 | |
| Financieringsactiviteiten | |||
| Verhoging van geplaatst kapitaal en uitgiftepremies | 22 | 2,2 | 1,3 |
| Verhoging/(terugbetaling) van de fi nanciële schulden | -58,1 | 64,9 | |
| Betaalde transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden | -3,7 | -11,1 | |
| (Verhoging)/terugbetaling van de vorderingen op lange termijn | -6,5 | 1,2 | |
| Dividenden uitbetaald aan aandeelhouders | 22 | -20,2 | -20,2 |
| Kasstromen uit fi nancieringsactiviteiten | -86,4 | 36,1 | |
| Netto toename/(afname) in geldmiddelen en kasequivalenten | -109,3 | 104,9 | |
| Omrekeningsverschillen | 0,1 | 1,3 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten min de kortetermijnschulden bij kredietinstellingen bij het begin van de verslagperiode* |
20/24 | 143,4 | 44,3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten min de kortetermijnschulden bij kredietinstellingen op het einde van de verslagperiode |
20/24 | 34,2 | 150,5 |
* Vanaf 2011 worden de kortetermijnschulden bij kredietinstellingen in mindering gebracht van de geldmiddelen en kasequivalenten. In 2010 werden deze kortetermijnschulden nog opgenomen in de fi nanciële schulden. Dit verklaart het verschil tussen de geldmiddelen en kasequivalenten min de kortetermijnschulden bij kredietinstellingen op het einde van de periode 2010 (150,5 miljoen EUR) en de geldmiddelen en kasequivalenten min de kortetermijnschulden bij kredietinstellingen bij het begin van de periode 2011 (143,4 miljoen EUR).
TOELICHTINGEN BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
| Page | ||
|---|---|---|
| 1 | Samenvatting van de voornaamste boekhoudprincipes | 100 |
| 2 | Bepaling van de reële waarde | 116 |
| 3 | Gesegmenteerde informatie | 118 |
| 4 | Acquisities en verkopen | 120 |
| 5 | Beëindigde bedrijfsactiviteiten | 123 |
| 6 | Overige bedrijfsopbrengsten en -kosten | 124 |
| 7 | Niet-recurrente opbrengsten/(kosten) | 125 |
| 8 | Personeelskosten en hiermee verbonden voordelen | 127 |
| 9 | Bijkomende informatie betreffende bedrijfskosten volgens kostensoort | 128 |
| 10 | Financieringskosten en -opbrengsten | 129 |
| 11 | Belastingen op het resultaat | 130 |
| 12 | Materiële vaste activa | 131 |
| 13 | Goodwill | 134 |
| 14 | Overige immateriële activa | 136 |
| 15 | Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode | 138 |
| 16 | Overige beleggingen | 139 |
| 17 | Uitgestelde belastingsvorderingen en -schulden | 140 |
| 18 | Handels- en overige vorderingen | 141 |
| 19 | Voorraden | 142 |
| 20 | Geldmiddelen en kasequivalenten | 142 |
| 21 | Vaste activa aangehouden voor verkoop | 143 |
| 22 | Eigen vermogen | 144 |
| 23 | Winst per aandeel | 146 |
| 24 | Financiële schulden | 147 |
| 25 | Personeelsbeloningen | 151 |
| 26 | Voorzieningen | 156 |
| 27 | Handels- en overige schulden | 157 |
| 28 | Financiële instrumenten | 158 |
| 29 | Operationele leasing | 169 |
| 30 | Waarborgen en verbintenissen | 170 |
| 31 | Voorwaardelijke verplichtingen en baten | 171 |
| 32 | Verbonden partijen | 172 |
| 33 | Honoraria van de commissaris | 173 |
| 34 | Gebeurtenissen na balansdatum | 173 |
| 35 | Ondernemingen van de groep | 174 |
| 36 | Kritische boekhoudkundige schattingen en oordeelsvormingen | 178 |
1. Samenvatting van de voornaamste boekhoudprincipes
Tessenderlo Chemie NV (hierna de "vennootschap") is een onderneming waarvan de maatschappelijke zetel gesitueerd is in België. De geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2011 omvat de vennootschap en zijn dochterondernemingen (hierna gezamenlijk de "groep") en de belangen van de groep in geassocieerde ondernemingen en ondernemingen onder gezamenlijke controle.
De IFRS jaarrekening werd goedgekeurd voor publicatie door de raad van bestuur van Tessenderlo Chemie NV op woensdag 28 maart 2012.
(A) Overeenstemmingsverklaring
De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) die zijn vastgesteld door de "International Accounting Standards Board" (IASB) zoals aangenomen door de Europese Unie.
(B) Voorstellingsbasis
De jaarrekening wordt uitgedrukt in euro, die de functionele munt is van de vennootschap, afgerond naar het dichtstbijzijnde miljoen waardoor totalen kunnen afwijken door afronding. Ze werd opgesteld op basis van historische kosten met uitzondering van de afgeleide fi nanciële instrumenten en beleggingen aangehouden voor verkoop, welke gewaardeerd worden aan hun reële waarde.
Activa en groepen van activa die worden afgestoten, geclassifi ceerd als aangehouden voor verkoop, worden gewaardeerd aan de laagste van de netto boekwaarde en de reële waarde verminderd met de verkoopkosten.
De voorbereiding van de jaarrekening conform IFRS vereist van het management beoordelingen, schattingen en veronderstellingen die van invloed zijn op de toepassing van de boekhoudprincipes en de gerapporteerde activa en schulden, kosten en opbrengsten. De schattingen en de gerelateerde veronderstellingen zijn gebaseerd op ervaring en verscheidene andere factoren die verondersteld worden redelijk te zijn onder de omstandigheden. De resultaten hiervan vormen de basis voor het beoordelen van de waarde van activa en schulden die niet op directe wijze blijken uit andere bronnen. De uiteindelijke resultaten kunnen afwijken van deze schattingen.
De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend herzien. Herzieningen betreffende de boekhoudkundige schattingen worden geboekt in die periode waarin de schatting werd herzien indien de herziening enkel een impact heeft op die periode, of in de periode van de herziening en toekomstige periodes als de herziening zowel de huidige als toekomstige periodes beïnvloedt.
Beoordelingen van het management omtrent de toepassing van IFRS standaarden die een signifi cante invloed hebben op de jaarrekening en de schattingen met een signifi cant risico op een belangrijke correctie in het volgende jaar worden besproken in toelichting 36 – Kritische boekhoudkundige schattingen en oordeelsvormingen.
De geconsolideerde jaarrekening heeft betrekking op de toestand van de vennootschap vóór de winstverdeling van het boekjaar, die voorgesteld wordt aan de algemene vergadering van aandeelhouders.
De boekhoudprincipes, zoals hierna beschreven, werden consistent toegepast door de vennootschap en alle geconsolideerde vennootschappen voor alle periodes voorgesteld in deze geconsolideerde jaarrekening.
(C) Consolidatieprincipes
De ondernemingen die gecontroleerd worden door de groep (dit zijn die ondernemingen waarin de groep op directe of indirecte wijze een belang heeft van meer dan de helft van de stemrechten of waarin de groep controle kan uitoefenen over de operationele activiteiten, verder vermeld als "dochterondernemingen") worden volledig geconsolideerd. Bij de bepaling van de controle, worden potentiële stemrechten die
momenteel uitgeoefend of geconverteerd kunnen worden, in rekening gebracht. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen worden opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening vanaf de datum waarop de controle start tot de datum waarop de controle eindigt. Indien de groep niet langer controle uitoefent over een dochteronderneming worden alle activa en schulden van deze dochteronderneming, eventuele minderheidsbelangen en alle overige elementen van het eigen vermogen van deze dochteronderneming niet meer opgenomen. De winsten of verliezen volgend uit het verlies van controle worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Elk overblijvend belang in de voormalige dochteronderneming wordt gewaardeerd aan de reële waarde op het ogenblik dat controle ophoudt. Het belang wordt vervolgens opgenomen als een deelneming geconsolideerd volgens de vermogensmutatiemethode of als een fi nancieel actief aangehouden voor verkoop, afhankelijk van de graad van invloed dat behouden blijft.
De minderheidsbelangen worden afzonderlijk toegelicht. Gerealiseerde verliezen bij dochterondernemingen met een minderheidsbelang worden proportioneel toegewezen aan dit minderheidsbelang, zelfs indien het minderheidsbelang hierdoor negatief wordt.
Acquisities van minderheidsbelangen worden verwerkt als transacties met eigenaars in hun hoedanigheid als eigenaars. Bijgevolg wordt er geen goodwill opgenomen. Wijzigingen van minderheidsbelangen ten gevolge van transacties waarbij de controle blijft behouden, zijn gebaseerd op een evenredig bedrag van het netto actief van de dochteronderneming.
Deelnemingen in geassocieerde ondernemingen en gezamenlijk gecontroleerde ondernemingen (joint-ventures) zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening gebruikmakend van de vermogensmutatiemethode. De deelnemingen in geassocieerde ondernemingen zijn deze waarin de groep een signifi cante invloed kan uitoefenen op de fi nanciële en de operationele beleidslijnen, doch deze niet controleert. Dit zal in het algemeen het geval zijn wanneer de groep tussen de 20 % en 50 % van de stemrechten bezit. De vermogensmutatiemethode wordt toegepast vanaf de datum waarop de aanzienlijke invloed begint tot de datum waarop deze eindigt. Wanneer het aandeel van de groep in het verlies de boekwaarde van de geassocieerde onderneming overschrijdt, wordt de boekwaarde in de balans van de groep afgeboekt tot nihil en worden verdere verliezen niet langer in rekening gebracht, uitgezonderd in de mate waarin de groep verplichtingen (in rechte afdwingbaar of feitelijk) heeft aangegaan met betrekking tot deze onderneming.
Alle transacties tussen ondernemingen, saldi en niet-gerealiseerde winsten en verliezen op transacties tussen ondernemingen van de groep worden geëlimineerd. Niet-gerealiseerde winsten afkomstig van transacties met geassocieerde ondernemingen en joint-ventures worden geëlimineerd ten belope van het belang van de groep in de onderneming. Niet-gerealiseerde verliezen worden geëlimineerd op dezelfde manier als niet-gerealiseerde winsten, maar enkel in die mate dat er geen bewijs van bijzondere waardevermindering aanwezig is.
(D) Vreemde valuta
• Transacties in vreemde valuta
Transacties in vreemde valuta worden geboekt tegen de wisselkoers die geldt op de transactiedatum. Monetaire activa en schulden in vreemde valuta worden omgerekend aan de geldende slotkoersen op balansdatum. Winsten en verliezen, die voortvloeien uit deze transacties, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening van die periode.
Niet-monetaire activa en schulden, uitgedrukt in vreemde valuta, welke geboekt zijn aan reële waarde worden omgezet naar de functionele munt aan de wisselkoers die van toepassing is op de datum waarop de reële waarde werd bepaald. Voor niet-monetaire activa, die aangehouden worden voor verkoop, worden de wisselkoersresultaten niet afzonderlijk getoond van de totale mutatie in reële waarde.
• Omzetting van vreemde valuta
Activa en schulden van buitenlandse entiteiten in vreemde valuta die opgenomen zijn in de consolidatie, worden omgezet in euro op basis van de wisselkoersen die van toepassing zijn op balansdatum. De winst- en verliesrekening van de buitenlandse entiteiten wordt omgezet in euro op basis van de gemiddelde jaarlijkse wisselkoersen (om zodoende de wisselkoersen op datum van de transacties te benaderen). De componenten van het eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap worden omgezet aan historische koersen.
Wisselkoersverschillen, afkomstig van de omzetting van het eigen vermogen toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap in euro aan de wisselkoers op jaareinde, worden in "Omrekeningsverschillen" onder het eigen vermogen geboekt. Betreft de activiteit een niet-volledig gecontroleerde dochtermaatschappij, dan wordt het betreffende evenredige aandeel van het omrekeningsverschil toegerekend aan het minderheidsbelang.
Indien een buitenlandse activiteit wordt verkocht waardoor de groep de zeggenschap, invloed van betekenis, dan wel gezamenlijke zeggenschap verliest, wordt het in verband met deze buitenlandse activiteit cumulatief opgebouwde bedrag binnen de omrekeningsverschillen overgeboekt naar de winst- en verliesrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij de verkoop.
Wanneer de groep enkel een deel van zijn belang in een dochteronderneming, die een buitenlandse activiteit omvat, verkoopt terwijl de controle behouden blijft, dan wordt het proportionele deel van het cumulatief bedrag binnen de omrekeningsverschillen overgeboekt naar het minderheidsbelang.
Wanneer de groep enkel een deel van zijn participatie in een geassocieerde onderneming of jointventure, die een buitenlandse activiteit omvat, verkoopt terwijl een invloed van betekenis of gezamenlijke zeggenschap behouden blijft, wordt het relevante gedeelte van het cumulatief bedrag overgeboekt in de winst- en verliesrekening.
• Wisselkoersen
| Slotkoers | Gemiddelde koers | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 EUR is gelijkgesteld aan : |
2011 | 2010 | 2011 | 2010 | ||||
| Argentijnse peso | 5,5760 | 5,4260 | 5,7444 | 5,2021 | ||||
| Braziliaanse real | 2,4159 | 2,2177 | 2,3265 | 2,3314 | ||||
| Canadese dollar | 1,3215 | 1,3322 | 1,3761 | 1,3651 | ||||
| Chinese yuan | 8,1588 | 8,8220 | 8,9960 | 8,9712 | ||||
| Tsjechische kroon | 25,7870 | 25,0610 | 24,5900 | 25,2840 | ||||
| Hongaarse forint | 314,5800 | 277,9500 | 279,3700 | 275,4800 | ||||
| Poolse zloty | 4,4580 | 3,9750 | 4,1206 | 3,9947 | ||||
| Pond sterling | 0,8353 | 0,8608 | 0,8679 | 0,8578 | ||||
| Zwitserse frank | 1,2156 | 1,2504 | 1,2326 | 1,3803 | ||||
| Amerikaanse dollar | 1,2939 | 1,3362 | 1,3920 | 1,3257 |
De volgende wisselkoersen werden gebruikt bij de voorbereiding van de jaarrekening :
(E) Overige immateriële activa
• Onderzoek en ontwikkeling
Kosten voor onderzoeksactiviteiten, ondernomen met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis, worden als kosten in de jaarrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen.
Kosten voor ontwikkelingsactiviteiten, waarbij de resultaten van het onderzoek worden toegepast in een plan of een ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen, worden in de balans opgenomen, indien deze aan elk van de volgende criteria voldoen :
- het is technisch haalbaar om het actief te voltooien, zodat het beschikbaar zal zijn voor gebruik of verkoop ;
-
het management heeft de intentie om de ontwikkeling van het actief te voltooien ;
-
er werd aangetoond hoe het actief aanleiding zal geven tot toekomstige economische voordelen. Het marktpotentieel of het nut van het immaterieel actief is duidelijk aangetoond ;
- voldoende technische, fi nanciële en andere middelen zijn beschikbaar voor de voltooiing van de ontwikkeling ;
- de kosten met betrekking tot het proces of product kunnen duidelijk geïdentifi ceerd en betrouwbaar gewaardeerd worden.
De geactiveerde kost omvat de kosten van grondstoffen, directe loonkosten en een evenredig deel van de overheadkosten. Andere uitgaven voor ontwikkeling worden als kost in de winst- en verliesrekening opgenomen op het moment dat deze zich voordoen. Geactiveerde uitgaven voor ontwikkeling worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen (zie verder) en bijzondere waardeverminderingen (zie boekhoudprincipe J).
• Financieringskosten
Financieringskosten die direct toewijsbaar zijn aan de aankoop, de bouw of het voortbrengen van een overig immaterieel actief, en die een lange voorbereiding vereisen, worden opgenomen in de kostprijs van het overig immaterieel actief. Alle andere fi nancieringskosten worden als kosten opgenomen in de winst- en verliesrekening onder de rubriek fi nancieringskosten. Financieringskosten bestaan uit interesten en andere kosten die plaatsvinden in het verband met het lenen van fondsen.
• Emissierechten
De kost voor het bekomen van emissierechten wordt opgenomen als overige immateriële activa, zowel wanneer deze gekocht worden of gratis zijn ontvangen (in dit laatste geval is de aanschaffi ngswaarde nul). Een voorziening wordt aangelegd ter dekking van de verplichting tot het voorleggen van de vereiste hoeveelheid emissierechten als, gedurende een bepaalde periode, het aantal vereiste rechten het totaal aantal verworven rechten overstijgt. Deze voorziening wordt opgenomen ten bedrage van de geschatte nodige uitgaven om aan deze verplichting te voldoen.
De reële waarde van termijn aankoop- en verkoopcontracten van emissierechten is gebaseerd op de genoteerde marktprijzen voor futures van "EU allowances" (EUAs) en "Certifi ed Emission Reductions" (CERs).
• Groene stroomcertifi caten
Groene stroomcertifi caten aangehouden voor verkoop worden geboekt als voorraad verworven onder de vorm van een overheidssubsidie. Deze worden bij aanvang gewaardeerd aan reële waarde. Groene stroomcertifi caten voor eigen gebruik worden verwerkt als overige immateriële activa verworven onder de vorm van een overheidssubsidie. Deze zijn ook aanvankelijk gewaardeerd aan reële waarde. De subsidie wordt verwerkt in de winst- en verliesrekening in de overige bedrijfsopbrengsten. Ze worden na de eerste opname, indien ze in voorraad werden opgenomen, gewaardeerd tegen kostprijs of aan netto-opbrengstwaarde indien deze lager is. Indien de subsidie in de overige immateriële activa is opgenomen, wordt ze aan kostprijs gewaardeerd, evenwel onderworpen aan een test op bijzondere waardeverminderingen. Verkopen van de groene stroomcertifi caten worden opgenomen in de omzet, indien ze aanvankelijk in voorraad werden geboekt. De kost wordt opgenomen in de kostprijs verkopen. Indien groene stroomcertifi caten, aanvankelijk aangehouden voor eigen gebruik, verkocht worden en indien de verkoopprijs verschillend is van de boekwaarde, wordt het verschil opgenomen als opbrengst (verlies) op verkopen van overige immateriële activa (overige bedrijfsopbrengsten en -kosten).
• Overige immateriële activa
Overige immateriële activa die verworven werden door de groep, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen (zie verder) en bijzondere waardeverminderingen (zie boekhoudprincipe J).
• Uitgaven na eerste opname
Uitgaven na eerste opname voor geactiveerde overige immateriële activa worden enkel in de balans opgenomen wanneer ze de toekomstige economische voordelen eigen aan de activapost waarop zij betrekking hebben, vergroten. Alle andere gedane uitgaven worden geboekt als kosten.
• Afschrijvingen
Overige immateriële activa met een bepaalde gebruiksduur worden afgeschreven volgens de lineaire methode over hun verwachte economische gebruiksduur.
De geschatte economische gebruiksduur van de respectievelijke categorieën van activa is de volgende :
| Ontwikkeling | 5 jaar |
|---|---|
| Software | 3 tot 5 jaar |
| Concessies, licenties, patenten en andere | 10 tot 20 jaar |
De verwachte economische gebruiksduur en restwaarden, indien signifi cant, worden jaarlijks geëvalueerd en aangepast indien nodig.
De overige immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur hebben betrekking op handelsmerken die beschouwd worden een onbepaalde levensduur te hebben tenzij plannen zouden bestaan om de gerelateerde activiteit te beëindigen. Er zijn geen wettelijke, bestuursrechterlijke, contractuele, concurrentiële, economische of andere factoren die de gebruiksduur van handelsmerken beperken. Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur worden niet afgeschreven maar getoetst op bijzondere waardeverminderingen op jaarlijkse basis.
(F) Goodwill
• Goodwill
Alle bedrijfscombinaties worden verwerkt door de overnamemethode toe te passen op de datum van overname, welke de datum is waarop de groep controle verkrijgt.
De groep waardeert de goodwill op de overnamedatum als volgt :
- de reële waarde van de overgedragen vergoeding ; plus
- het opgenomen bedrag van eventuele minderheidsbelangen in de overgenomen partij ; plus
- indien de bedrijfscombinatie in fasen plaatsvindt, de reële waarde van het voorafgaande belang in de overgenomen partij ; verminderd met
- het opgenomen nettobedrag (in het algemeen de reële waarde) van de identifi ceerbare verworven activa en aangegane verplichtingen.
Indien negatief, zal deze voordelige aankoop onmiddellijk worden verwerkt in de winst- en verliesrekening nadat de reële waarde opnieuw beoordeeld werd.
Transactiekosten, andere dan deze verbonden met de uitgifte van schulden of aandelen, worden door de groep in kost genomen wanneer zij worden gemaakt.
De reële waarde van een voorwaardelijke vergoeding wordt op overnamedatum opgenomen. Indien die voorwaardelijke vergoeding wordt geclassifi ceerd als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling geboekt in het eigen vermogen. In andere gevallen worden wijzigingen in de reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding na eerste opname in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Goodwill wordt tenminste één keer per jaar onderworpen aan een test op bijzondere waardeverminderingen, alsook telkens wanneer er een indicatie is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering van de kasstroomgenererende eenheid aan welke de goodwill werd toegewezen (zie boekhoudprincipe J).
Goodwill wordt uitgedrukt in de munteenheid van de dochteronderneming, joint venture of geassocieerde onderneming waarop ze betrekking heeft.
• Waardering na eerste opname
Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met cumulatieve bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode wordt de boekwaarde van goodwill opgenomen in de boekwaarde van de deelneming.
(G) Materiële vaste activa
• Eigen Activa
Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat de initiële aankoopprijs vermeerderd met rechtstreeks toerekenbare kosten om het actief operationeel te maken zoals beoogd door het management (bijvoorbeeld : niet terugvorderbare belastingen, transport en, indien van toepassing, de kosten van ontmanteling en verwijdering van het actief en van het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt). De kostprijs van zelf geproduceerde activa wordt op dezelfde manier bepaald als voor verworven activa en omvat de kostprijs van materialen, directe loonkosten en een evenredig deel van de indirecte kosten. Financieringskosten die direct toewijsbaar zijn aan de aankoop, de bouw of het voortbrengen van een actief, welk een lange voorbereiding vereist, worden opgenomen in de kostprijs van het actief.
Wanneer componenten van een vast actief een verschillende gebruiksduur hebben, dan worden zij geboekt als afzonderlijke materiële vaste activa.
• Uitgaven na eerste opname
Uitgaven na eerste opname opgelopen in het kader van het vervangen of vernieuwen van componenten van materiële vaste activa worden geboekt als de aankoop van een afzonderlijk actief en het actief dat werd vervangen wordt dan volledig afgeschreven. Het activeren van latere uitgaven vindt enkel plaats wanneer deze uitgaven de toekomstige economische voordelen, eigen aan de activapost waarop zij betrekking hebben, vergroten. Herstellings- en onderhoudskosten, welke de toekomstige economische voordelen, eigen aan de activapost waarmee ze verwant zijn, niet doen toenemen, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
• Afschrijvingen
Afschrijvingen worden geboekt in de winst- en verliesrekening vanaf de datum van ingebruikname, op lineaire basis over de verwachte economische gebruiksduur van elke component van het materieel vast actief.
De verwachte economische gebruiksduur van de respectievelijke categorieën van activa is als volgt :
| Verbeteringswerken terreinen | 10 tot 20 jaar |
|---|---|
| Gebouwen | 20 tot 40 jaar |
| Verbeteringswerken gebouwen | 10 tot 20 jaar |
| Installaties | 6 tot 20 jaar |
| Machines en uitrusting | 5 tot 15 jaar |
| Meubilair en kantooruitrusting | 4 tot 10 jaar |
| Extrusie materieel en gereedschap | 3 tot 7 jaar |
| Laboratorium- en onderzoeksinfrastructuur | 3 tot 5 jaar |
| Rollend materieel | 4 tot 10 jaar |
| Computermaterieel | 3 tot 5 jaar |
Terreinen worden niet afgeschreven aangezien aangenomen wordt dat zij een onbepaalde gebruiksduur hebben.
De verwachte economische gebruiksduur en restwaarden, indien signifi cant, worden jaarlijks geëvalueerd en aangepast indien nodig.
• Overheidssubsidies
Overheidssubsidies gerelateerd met de aankoop van een materieel vast actief worden in mindering gebracht van de boekwaarde eigen aan de activapost, wanneer er een redelijke zekerheid bestaat dat deze subsidies ontvangen zullen worden en dat de groep zal voldoen aan de voorwaarden die eraan verbonden zijn. Ze worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in mindering van de gerelateerde afschrijvingen en dit op lineaire basis over de verwachte gebruiksduur van de gerelateerde activa.
Overheidssubsidies als compensatie voor gemaakte kosten van de groep worden systematisch opgenomen onder de overige bedrijfsopbrengsten in dezelfde periode waarin de kosten worden opgenomen.
(H) Leasing
Leasing van materiële vaste activa waarbij de groep op substantiële wijze alle voordelen en risico's verbonden aan de eigendom overneemt, wordt beschouwd als fi nanciële leasing en geactiveerd op het moment van de aanvang van de leasingovereenkomst. Financiële leasingcontracten worden geactiveerd aan de reële waarde of, indien deze lager is, tegen de contante waarde van de minimale leasebetalingen op het moment van het aangaan van de leasingovereenkomst, verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen (zie boekhoudprincipe G) en de bijzondere waardeverminderingen (zie boekhoudprincipe J).
Elke afl ossing wordt deels beschouwd als terugbetaling van de leasingschuld, deels als interestbetaling in een verhouding opdat er over de volledige looptijd een constante interestlast ontstaat in vergelijking met het openstaand kapitaal. De overeenkomstige verplichtingen, verminderd met de fi nanciële lasten, worden geboekt in de rubriek "Financiële schulden". Het interestgedeelte wordt over de termijn van de leasingperiode in de winst- en verliesrekening opgenomen als een fi nanciële last. De materiële vaste activa verkregen via fi nanciële leasing, worden afgeschreven over de termijn van de leasingperiode of over hun verwachte economische gebruiksduur indien deze korter is, tenzij met redelijke zekerheid gesteld kan worden dat de groep eigenaar zal worden tegen het einde van de leasingperiode (zie boekhoudprincipe G).
Leasing van activa waarbij de leasinggever de voordelen en de risico's substantieel behoudt, wordt beschouwd als operationele leasing. De betalingen voor deze leasing worden op lineaire wijze over de duur van de overeenkomst ten laste van de winst- en verliesrekening geboekt.
(I) Beleggingen
Elke categorie van beleggingen wordt geboekt op transactiedatum.
• Beleggingen in aandelen
Beleggingen in aandelen omvatten deelnemingen in ondernemingen waarin de groep geen signifi cante invloed uitoefent of controle bezit. Dit is normaal het geval wanneer de groep minder dan 20 % van de stemrechten bezit. Zulke beleggingen worden benoemd als fi nanciële vaste activa aangehouden voor verkoop en worden geboekt aan hun reële waarde, tenzij deze niet op een betrouwbare wijze gemeten kan worden. In dit laatste geval worden ze geboekt aan aanschaffi ngswaarde verminderd met de bijzondere waardeverminderingen. De reële waarde is de genoteerde biedkoers op afsluitingsdatum. Wijzigingen in de reële waarde worden onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen, met uitzondering van bijzondere waardeverminderingen. Bij verkoop van een belegging wordt de cumulatieve winst die, of het cumulatieve verlies dat, voorheen in het eigen vermogen is opgenomen naar de resultatenrekening overgeboekt.
• Overige beleggingen
De andere beleggingen omvatten voornamelijk waarborgen in geld. Zij worden oorspronkelijk gewaardeerd aan reële waarde. Nadien worden de overige beleggingen gewaardeerd aan afgeschreven kostprijs.
(J) Bijzondere waardeverminderingen
De netto boekwaarde van fi nanciële activa, materiële vaste activa, goodwill en overige immateriële activa wordt op elke balansdatum beoordeeld om te bepalen of er enige aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering. Indien een dergelijke aanwijzing bestaat, wordt de realiseerbare waarde van het actief geschat. Een bijzondere waardevermindering wordt geboekt wanneer de boekwaarde van een actief of van de kasstroomgenererende eenheid waartoe het actief behoort, hoger is dan de realiseerbare waarde. Bijzondere waardeverminderingen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Goodwill, overige immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur en overige immateriële activa die nog niet beschikbaar zijn voor gebruik, worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen zelfs indien er geen enkele aanwijzing op een bijzondere waardevermindering bestaat.
Bijzondere waardeverminderingen op kasstroomgenererende eenheden worden in eerste instantie toegewezen aan de boekwaarde van de goodwill van kasstroomgenererende eenheden en pas daarna wordt de boekwaarde van de andere activa die aanwezig zijn in die eenheid op een pro rata basis verminderd.
• Berekening van de realiseerbare waarde
De realiseerbare waarde is de hoogste van de opbrengstwaarde en de bedrijfswaarde. De bedrijfswaarde is de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen voortvloeiend uit het gebruik van het actief. De realiseerbare waarde wordt berekend op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid tot dewelke het actief behoort. Om de bedrijfswaarde te bepalen worden de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde, gebruik makend van een discontovoet die zowel de actuele marktomstandigheden als de specifi eke risico's met betrekking tot het actief, de activiteit, etc. weergeeft.
• Terugname van bijzondere waardeverminderingen
Wanneer er een verandering heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt werden om de realiseerbare waarde van activa van de groep, andere dan goodwill, te bepalen, wordt de boekwaarde gedeeltelijk of geheel opnieuw samengesteld. De terugname van de bijzondere waardeverminderingen vindt plaats via de niet-recurrente bestanddelen in de winst- en verliesrekening, in die mate dat de nieuwe toegenomen boekwaarde van het actief niet hoger is dan de boekwaarde (na afschrijvingen) die bekomen zou zijn, indien geen bijzondere waardeverminderingen voor het actief zouden zijn geboekt.
Een bijzondere waardevermindering op goodwill kan niet teruggenomen worden.
(K) Voorraden
De voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of aan netto-opbrengstwaarde indien deze lager is. De kostprijs wordt bepaald volgens de gewogen gemiddelde kostprijsmethode.
De kostprijs voor afgewerkte producten en goederen in bewerking omvat de gebruikte grondstoffen, de andere productiematerialen, de directe loon- en andere kosten en een toewijzing van vaste en variabele indirecte productiekosten, gebaseerd op de normale productiecapaciteit. De kostprijs van voorraden omvat de inkoopkosten, de conversie en andere kosten die voortvloeien uit het transport van de voorraden naar hun huidige locatie en toestand. De netto-opbrengstwaarde wordt gedefi nieerd als de geschatte verkoopprijs, verminderd met de geschatte kosten voor voltooiing en de verkoopkosten.
(L) Handels- en overige vorderingen
Handels- en overige vorderingen worden gewaardeerd aan reële waarde en nadien aan afgeschreven kostprijs verminderd met de nodige voorzieningen voor waardeverminderingen.
(M) Geldmiddelen en kasequivalenten
Geldmiddelen omvatten kas- en banksaldi bij kredietinstellingen. Kasequivalenten zijn kortlopende beleggingen met een hoge liquiditeit die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen waarvan het bedrag gekend is, die een looptijd hebben van drie maanden of minder vanaf de datum van verwerving, en waarvoor geen belangrijk risico voor waardeverandering bestaat.
(N) Geplaatst kapitaal
• Gewone aandelen
Gewone aandelen worden geclassifi ceerd als eigen vermogen. De marginale kosten die rechtstreeks toerekenbaar zijn aan de uitgifte van gewone aandelen en aandelenwarranten worden verwerkt als aftrekpost op het eigen vermogen, na aftrek van eventuele fi scale effecten.
• Inkoop van geplaatst kapitaal
Wanneer geplaatst kapitaal, geclassifi ceerd onder "eigen vermogen", opnieuw wordt ingekocht, wordt het bedrag, inclusief directe toerekenbare kosten, verwerkt als een wijziging in het eigen vermogen. Ingekochte aandelen worden eigen aandelen en worden beschouwd als een vermindering van het eigen vermogen. Wanneer ingekochte eigen aandelen vervolgens worden verkocht of opnieuw worden uitgegeven, wordt het ontvangen bedrag opgenomen ten gunste van het eigen vermogen en wordt het eventuele overschot of tekort op de transactie overgeheveld naar/van de uitgiftepremies.
• Dividenden
Dividenden worden geboekt als schuld in de periode waarin ze worden toegekend.
(O) Financiële schulden
Financiële schulden worden initieel gewaardeerd aan reële waarde, verminderd met de kosten verbonden aan de transactie. Vervolgens worden deze rentedragende verplichtingen gewaardeerd aan hun afgeschreven kostprijs en wordt elk verschil tussen de aanschaffi ngsprijs en de afl ossingswaarde ten laste genomen van de winst- en verliesrekening over de looptijd van de lening op basis van de effectieve interestvoet.
(P) Voorzieningen
Voorzieningen worden aangelegd wanneer de onderneming een bestaande verplichting heeft (in rechte afdwingbaar of feitelijk) als gevolg van gebeurtenissen in het verleden, wanneer het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van die verplichtingen een uitstroom van middelen noodzakelijk is en wanneer een betrouwbare schatting gemaakt kan worden van de omvang van deze verplichtingen.
Indien het effect hiervan signifi cant is, zullen voorzieningen worden aangelegd door de verdiscontering van de toekomstige kasstromen aan een discontovoet die zowel de huidige marktrente als, indien van toepassing, de specifi eke risico's met betrekking tot het passief weergeeft. Het afwikkelen van de verdisconteringsimpact wordt geboekt als een component van de fi nancieringskosten.
• Herstructurering
Een voorziening voor herstructurering wordt aangelegd wanneer de onderneming een gedetailleerd en geformaliseerd herstructureringsplan heeft goedgekeurd en wanneer de herstructurering ofwel werd aangevat ofwel openbaar werd gemaakt. Voor toekomstige exploitatieverliezen worden geen voorzieningen opgenomen.
• Milieuverplichtingen
Milieuvoorzieningen zijn gebaseerd op verplichtingen (in rechte afdwingbaar of feitelijk) als gevolg van gebeurtenissen van het verleden, in overeenstemming met de van toepassing zijnde wettelijke verplichtingen.
• Verlieslatende contracten
Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt aangelegd wanneer de te verwachten ontvangen economische voordelen voor de groep lager liggen dan de onvermijdbare kosten om aan de verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst te voldoen. De voorziening wordt gewaardeerd tegen de contante waarde van de verwachte kosten voor de beëindiging van het contract of, indien dit lager is, tegen de contante waarde van de verwachte nettokosten van de voortzetting van het contract. Voorafgaand aan het aanleggen van een voorziening neemt de groep op de activa die betrekking hebben op het contract een bijzonder waardeverminderingsverlies.
• Overige
Omvat voorzieningen voor geschillen en garanties.
(Q) Personeelsbeloningen
• Vergoedingen na uitdiensttreding
De personeelsbeloningen na uitdiensttreding omvatten pensioenplannen en verzekeringen voor medische bijstand. De groep voorziet een aantal "vaste bijdrage" pensioenplannen en "te bereiken doel" pensioenplannen die wereldwijd verspreid zijn, waarvan de activa meestal beheerd worden in aparte pensioenfondsen. In het algemeen beheren aparte trustmaatschappijen en verzekeraars de pensioenplannen.
- Vaste bijdrage pensioenplannen :
De bijdragen tot een "vaste bijdrage" pensioenplan worden geboekt als kost in de winst- en verliesrekening op het moment dat deze zich voordoen. Een vaste bijdrage pensioenplan is een pensioenplan waarin de groep vaste bijdragen stort in een fonds. Er is geen wettelijke of constructieve verplichting om aanvullende bijdragen te betalen indien de activa van het fonds onvoldoende is om aan alle werknemers de voordelen te betalen die gerelateerd zijn aan de dienstjaren in de huidige of vorige periodes.
Alle "vaste bijdrage" pensioenplannen in België zijn wettelijk verplicht om een minimumrentabiliteit te garanderen. In de mate dat de wettelijke rentabiliteitsgarantie voldoende afgedekt is, heeft de groep geen verdere betalingsverplichting buiten de pensioenbijdragen die in de winst- en verliesrekening worden opgenomen. In dit geval worden de pensioenplannen dan ook verwerkt als "vaste bijdrage" pensioenplannen.
- Pensioenplannen met een te bereiken doel :
Voor pensioenplannen met een te bereiken doel worden de pensioenkosten voor elk plan afzonderlijk geschat op basis van de "projected unit credit" methode. Volgens deze methode worden de pensioenkosten ten laste genomen van de winst- en verliesrekening op zulke wijze dat de kost gespreid wordt over de nog te presteren diensttijd van de deelnemers, in overeenstemming met het advies van de bevoegde actuarissen die een volledige berekening maken van de plannen. De bedragen, die ten laste genomen worden van de winsten verliesrekening, omvatten de aan het dienstjaar toegekende pensioenkost, de rentekost, het verwachte rendement van de pensioenfondsen, de actuariële winsten of verliezen en de kosten van de verstreken diensttijd.
De pensioenverplichtingen opgenomen in de balans worden berekend als zijnde de actuele waarde van de verplichtingen van de toegezegde pensioenrechten (berekend op basis van de interestvoet van hoogwaardige bedrijfsobligaties met een looptijd die de termijn van de pensioenverplichting benadert), aangepast voor nog
niet opgenomen actuariële winsten en verliezen en verminderd met de nog niet verwerkte kosten over de verstreken diensttijd en de reële waarde van de activa van het fonds.
Alle actuariële winsten en verliezen op 1 januari 2004, de overgangsdatum naar IFRS, werden geboekt. De actuariële winsten en verliezen die voorkomen na 1 januari 2004 en die een bedrag overschrijden van 10 % van de reële waarde van de activa van het fonds of van de actuele waarde van de toekomstige brutoverplichtingen, indien deze hoger is, worden geboekt in de winst- en verliesrekening en dit gespreid over de gemiddelde resterende diensttermijn van de deelnemers. In het andere geval wordt de actuariële winst of verlies niet opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Wanneer de berekening resulteert in een winst voor de groep, wordt het erkend actief gelimiteerd tot het saldo van niet-opgenomen actuariële verliezen, niet-opgenomen pensioenkosten van verstreken diensttijd en de contante waarde van beschikbare toekomstige terugbetalingen door het plan of verminderingen van toekomstige bijdragen tot het plan.
De groep erkent winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een pensioenplan met te bereiken doel op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. De winst of verlies op de inperking of afwikkeling omvat elke hieruit voortvloeiende wijziging in de reële waarde van de fondsbeleggingen, de wijziging in de huidige waarde van de verplichtingen uit hoofde van de te bereiken doel pensioenplannen en actuariële winsten en verliezen en pensioenkosten van verstreken diensttijd die nog niet eerder waren opgenomen.
• Ontslagvergoedingen (vervroegde pensioenplannen en andere verplichtingen bij ontslag)
Deze vergoedingen ontstaan als gevolg van een beslissing van de groep om de tewerkstelling van een werknemer of van een groep werknemers te beëindigen vóór de normale pensioendatum of als gevolg van de beslissing van een werknemer om vrijwillig de tewerkstelling stop te zetten in ruil voor deze vergoedingen.
Deze vergoedingen worden verwerkt op het moment van de betekening.
• Beloningen in de vorm van aandelen
Een warrantprogramma laat het senior management toe om aandelen van de vennootschap te verwerven. De uitoefenprijs van de warrant is gelijk aan de gemiddelde marktprijs van de onderliggende aandelen in de dertig werkdagen voorafgaand aan de dag van het aanbod of de marktprijs op de laatste dag voorafgaand aan het aanbod, indien deze waarde lager is. Deze betalingen worden in de jaarrekening verwerkt op basis van de reële waarde van de beloningen gemeten op de toekenningsdatum, verdeeld over de wachtperiode. Wanneer de warranten worden uitgeoefend, wordt het eigen vermogen verhoogd met de ontvangen opbrengsten.
• Kortetermijnpersoneelsbeloningen
Kortetermijnpersoneelsbeloningen worden niet verdisconteerd en opgenomen wanneer de daarmee verband houdende dienst wordt verricht.
Indien de groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft voor geleverde diensten van werknemers en indien deze verplichting betrouwbaar kan worden bepaald, wordt een verplichting erkend voor het verwachte bedrag dat als een kortetermijnbonus in contanten of een winstdelingsregeling zal worden uitbetaald.
(R) Belastingen op het resultaat
Belastingen op het resultaat van het boekjaar omvatten de verschuldigde en uitgestelde belastingen. De belastingen worden geboekt in de winst- en verliesrekening tenzij ze betrekking hebben op elementen die onmiddellijk in het eigen vermogen worden geboekt. In dat geval worden de belastingen rechtstreeks ten laste van het eigen vermogen geboekt.
Belastingen van het boekjaar omvatten de verwachte belastingschuld op het belastbaar inkomen van het jaar, gebruik makend van de op het ogenblik van afsluiting van kracht zijnde of aangekondigde belastingpercentages, en alle aanpassingen van de belastingschulden van vorige jaren.
Uitgestelde belastingsvorderingen en -schulden worden geboekt op basis van de balansmethode, voor tijdelijke verschillen tussen de fi scale basis en de boekwaarde voor fi nanciële rapporteringsdoeleinden, en dit zowel voor activa als schulden. Voor de volgende tijdelijke verschillen worden geen uitgestelde belastingen geboekt : de initiële opname van goodwill, de initiële opname van activa en schulden in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en die geen invloed hebben op het boekhoudkundige of fi scale resultaat en verschillen met betrekking tot investeringen in dochterondernemingen in de mate dat een tegenboeking in de nabije toekomst onwaarschijnlijk is. Uitgestelde belastingsvorderingen en -verplichtingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn op de periode waarin de vordering wordt gerealiseerd of de verplichting wordt afgewikkeld, gebaseerd op belastingtarieven en belastingwetten die aangekondigd en/of goedgekeurd werden op balansdatum.
Een uitgestelde belastingsvordering wordt enkel opgenomen in de balans indien het waarschijnlijk is dat toekomstige belastbare winsten beschikbaar zullen zijn waartegen de verrekenbare tijdelijke verschillen, de ongebruikte belastingtegoeden en de ongebruikte overgedragen fi scale verliezen kunnen verrekend worden. De uitgestelde belastingsvorderingen worden herzien op elke afsluitingsdatum en verminderd in de mate dat het niet langer waarschijnlijk is dat het desbetreffende belastingvoordeel zal worden gerealiseerd.
Uitgestelde belastingsvorderingen en -schulden worden gesaldeerd indien er een wettelijk afdwingbaar recht is om de huidige belastingsschulden en -vorderingen te salderen, en deze betrekking hebben op belastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit in dezelfde belasting verschuldigde entiteit, of in verschillende ondernemingen die tot doel hebben om de huidige belastingsschulden en -vorderingen op een netto basis af te handelen of hun belastingsvorderingen en -schulden gelijktijdig zullen realiseren.
Bijkomende belastingen op het resultaat die voortvloeien uit de uitkering van dividenden worden op hetzelfde ogenblik geboekt als de verplichting om het betreffende voordeel te betalen.
(S) Handels- en overige schulden
Handels- en overige schulden worden gewaardeerd tegen reële waarde en nadien aan de afgeschreven kostprijs.
(T) Omzet
• Omzet
De omzet omvat de reële waarde van de ontvangen of te ontvangen vergoeding uit de verkoop van goederen en diensten tijdens de gewone bedrijfsuitvoering. De omzet wordt getoond na aftrek van belastingen op de toegevoegde waarde, teruggaven, kortingen en na eliminatie van verkopen binnen de groep. De omzet wordt opgenomen op het ogenblik dat de signifi cante voordelen en risico's verbonden met de eigendom overgedragen worden naar de klant, indien er geen belangrijke onzekerheden bestaan betreffende de inbaarheid van de te ontvangen vergoeding, wanneer de hiermee verband houdende kosten of eventuele terugzending van de goederen betrouwbaar kunnen worden geschat, wanneer het vaststaat dat het management van de onderneming de goederen niet langer op continue basis beheert en de omvang van de omzet betrouwbaar kan worden bepaald.
Met betrekking tot de verkoop van goederen wordt de omzet als gerealiseerd beschouwd op het ogenblik dat de signifi cante voordelen en risico's verbonden met de eigendom overgedragen werden naar de koper. Als het waarschijnlijk is dat er korting zal worden verleend en deze op betrouwbare wijze kan worden bepaald, wordt de korting opgenomen als een vermindering van de omzet op het moment van opname van de verkopen.
• Financiële opbrengsten
Financiële opbrengsten omvatten ontvangen interesten op geïnvesteerde fondsen, dividenden, positieve wisselkoersresultaten en opbrengsten op afgeleide fi nanciële instrumenten.
Interestopbrengsten worden in resultaat genomen naargelang ze verworven zijn, rekening houdend met de effectieve opbrengstvoet op het activabestanddeel.
Dividenden worden opgenomen in de winst- en verliesrekening op het moment dat ze worden toegekend aan de onderneming.
(U) Kosten
• Financiële kosten
De fi nanciële kosten omvatten interestkosten van leningen, het afwikkelen van de verdiscontering van voorzieningen, wisselkoersverliezen en verliezen op afgeleide fi nanciële instrumenten. De interestkosten die deel uitmaken van de betalingen voor fi nanciële leasing worden opgenomen in de winst- en verliesrekening gebruikmakend van de effectieve rentevoetmethode.
Alle fi nanciële kosten (fi nancieringskosten) die direct toewijsbaar zijn aan de aankoop, de bouw of het voortbrengen van een gekwalifi ceerd actief dat deel uitmaakt van de kostprijs van dit actief, worden geactiveerd. Deze activering van de fi nancieringskosten wordt verwerkt in de overige immateriële activa (zie ook (E) hierboven) en materiële vaste activa (zie ook (G) hierboven). Alle andere fi nancieringskosten worden als kosten opgenomen in de winst- en verliesrekening onder de rubriek fi nancieringskosten op het moment dat deze zich voordoen.
(V) Afgeleide fi nanciële instrumenten
De groep gebruikt afgeleide fi nanciële instrumenten teneinde de risico's te beperken met betrekking tot ongunstige schommelingen in wisselkoersen en interestpercentages die afkomstig zijn van operationele, fi nanciële en investeringsactiviteiten. Conform het beleid van de groep, houdt de groep geen afgeleide fi nanciële instrumenten aan, noch geeft zij afgeleide fi nanciële instrumenten uit voor handelsdoeleinden.
Afgeleide fi nanciële instrumenten worden aanvankelijk verwerkt tegen reële waarde, inclusief de gerelateerde transactiekosten. De bepaling van de reële waarde voor elk type van fi nanciële en niet-fi nanciële activa en schulden wordt verder besproken in toelichting 2 – Bepaling van de reële waarde. Na de initiële opname worden afgeleide fi nanciële instrumenten op balansdatum gewaardeerd aan hun reële waarde. Afhankelijk of de groep al dan niet kasstroomafdekking toepast, wordt elke winst of verlies als gevolg van deze herwaardering ofwel onmiddellijk in het eigen vermogen ofwel in de winst- en verliesrekening opgenomen.
• Kasstroomafdekkingen
De groep documenteert, bij het aangaan van de afdekkingstransactie, de relatie die bestaat tussen de afdekkingsinstrumenten en de afgedekte posities, inclusief haar risicobeheerdoelstellingen en strategie. Bij het aangaan van de afdekkingsrelatie en daarna doorlopend, documenteert de groep haar beoordeling of de gebruikte afgeleide instrumenten in hoge mate effectief zullen zijn in de compensatie van de fl uctuaties van de kasstromen van de afgedekte posities.
Wanneer een afgeleid fi nancieel instrument wordt toegewezen als afdekkingsinstrument van de variabiliteit van kasstromen die voortvloeit uit een bepaald risico dat is verbonden aan een opgenomen actief, verplichting, of zeer waarschijnlijke verwachte transactie die de winst of verlies zou kunnen beïnvloeden, dan wordt het effectieve deel van de veranderingen in de reële waarde van het afgeleide afdekkingsinstrument opgenomen in de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten (indekkingsreserves in het eigen vermogen). Het niet-effectieve deel van de wijzigingen in de reële waarde van het afgeleide fi nanciële instrument wordt rechtstreeks in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Indien de afdekking een niet-fi nancieel actief betreft, is het gecumuleerde bedrag in het eigen vermogen inbegrepen in de netto boekwaarde van het actief op het moment van de opname. In elk ander geval wordt het gecumuleerde bedrag van het eigen vermogen overgeboekt naar de winst- en verliesrekening op hetzelfde ogenblik dat de afgedekte positie de winst- en verliesrekening beïnvloedt.
Indien het afdekkingsinstrument niet langer voldoet aan de voorwaarden voor kasstroomafdekking, afl oopt, wordt verkocht, of wordt beëindigd, dan blijft de gecumuleerde, op dat ogenblik bestaande, niet-gerealiseerde winst of verlies opgenomen in het eigen vermogen en wordt deze erkend wanneer de verwachte transactie uiteindelijk opgenomen wordt in de winst- en verliesrekening. Indien niet langer wordt verwacht dat de verwachte transactie zal plaatsvinden, wordt de gecumuleerde niet-gerealiseerde winst of verlies die opgenomen werd in het eigen vermogen, onmiddellijk overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
(W) Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten
Een vast actief wordt geboekt als "vaste activa aangehouden voor verkoop" indien de boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkoopstransactie en niet door het voortgezette gebruik ervan. Een verkoopstransactie vindt plaats indien aan de volgende voorwaarden is voldaan :
- Het actief moet onmiddellijk beschikbaar zijn voor verkoop en alleen onderworpen zijn aan bepalingen die gebruikelijk zijn voor de verkoop van dergelijke activa of groep activa die wordt afgestoten ; en
- De verkoop van het vast actief dient zeer waarschijnlijk te zijn.
De groep zal een vast actief dat geclassifi ceerd is als aangehouden voor verkoop en de groepen activa die worden afgestoten afzonderlijk van andere activa presenteren in de balans. De verplichtingen van een groep activa die wordt afgestoten en die geclassifi ceerd is als aangehouden voor verkoop dienen eveneens afzonderlijk van andere verplichtingen in de balans worden gepresenteerd. Balansposities voor vergelijkbare periodes worden niet verschaft. Bovendien dient de groep alle inkomsten en kosten, die rechtstreeks in het eigen vermogen zijn verwerkt, afzonderlijk te presenteren, wanneer zij betrekking hebben op een vast actief geclassifi ceerd als aangehouden voor verkoop, bijvoorbeeld omrekeningsverschillen.
Onmiddellijk voordat het actief wordt geclassifi ceerd als aangehouden voor verkoop, dient de boekwaarde van het actief (en van alle activa en verplichtingen in de groep activa die wordt afgestoten), overeenkomstig de van toepassing zijnde IFRS, te worden geherwaardeerd. Nadien, bij eerste opname als aangehouden voor verkoop, zal het vast actief en de groep activa die wordt afgestoten, gewaardeerd worden tegen de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde verminderd met de verkoopkosten. De vaste activa geclassifi ceerd als aangehouden voor verkoop, inclusief deze in de groep activa die wordt afgestoten, worden niet langer afgeschreven.
Bijzondere waardeverminderingen bij de eerste opname als activa aangehouden voor verkoop worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Hetzelfde principe is van toepassing op winsten en verliezen bij een latere herwaardering.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van de groep dat een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografi sch bedrijfsgebied vertegenwoordigt, deel uitmaakt van een enkel coördinatieplan om een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografi sch bedrijfsgebied af te stoten, of een dochteronderneming betreft die uitsluitend is overgenomen met de bedoeling te worden doorverkocht.
De classifi catie als een beëindigde bedrijfsactiviteit zal plaatsvinden op de datum wanneer de transactie voldoet aan de voorwaarden om opgenomen worden als aangehouden voor verkoop of wanneer een activiteit wordt afgestoten.
Wanneer een activiteit geclassifi ceerd is als een beëindigde bedrijfsactiviteit, zal de "winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode van beëindigde bedrijfsactiviteiten" afzonderlijk gepresenteerd worden in de winsten verliesrekening en in het overzicht van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten.
In aanvulling van de vereisten voor de presentatie in de balans van groepen activa die worden afgestoten, worden vergelijkbare cijfers opgenomen in de winst- en verliesrekening en in het overzicht van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de presentatie van de resultaten van beëindigde bedrijfsactiviteiten. Bovendien worden de nettokasstromen die kunnen toegerekend worden aan de bedrijfs-, investerings- en fi nancieringsactiviteiten van de beëindigde bedrijfsactiviteiten afzonderlijk gepresenteerd.
(X) Winst per aandeel
De groep presenteert gewone en verwaterde winst per aandeel voor het gewone aandelenkapitaal. Het nettoresultaat per gewoon aandeel is de aan de aandeelhouders van de vennootschap toe te rekenen winst of verlies gedeeld door het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen die gedurende de verslagperiode uitstaan.
Bij de berekening van de verwaterde winst per aandeel worden de aan de aandeelhouders van de vennootschap toe te rekenen winst of verlies en het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen die gedurende de verslagperiode uitstaan, gecorrigeerd voor alle potentiële verwaterende effecten op de gewone aandelen, welke de aan het management toegekende aandelenwarranten omvatten.
(Y) Gesegmenteerde informatie
Bedrijfssegmenten zijn componenten van de groep die bedrijfsactiviteiten uitvoeren en die, op deze manier, opbrengsten kunnen genereren en kosten kunnen oplopen, inclusief opbrengsten en kosten die betrekking hebben op transacties met elk van de andere componenten van de groep. Afzonderlijke fi nanciële informatie is beschikbaar en wordt op regelmatige basis geëvalueerd door het "Group Management Committee" bij het nemen van beslissingen omtrent het toewijzen van middelen en het evalueren van de performantie. Het "Group Management Committee" wordt als "chief operating decision maker" beschouwd.
Bedrijfssegmenten worden samengevoegd in overeenstemming met IFRS 8 Bedrijfssegmenten en dit enkel wanneer de segmenten identieke economische karakteristieken vertonen op basis van de oorsprong van hun producten en diensten, de aard van het productieproces, het soort of categorie van klanten, de gebruikte methodes om deze producten te verdelen of diensten te verlenen en de aard van het wettelijk kader.
Gesegmenteerde informatie, zoals gepresenteerd aan het "Group Management Committee" (inclusief de winst en het verlies van het segment en gesegmenteerde activa en schulden), wordt opgemaakt conform de boekhoudprincipes zoals beschreven in de samenvatting van de voornaamste boekhoudprincipes.
Opbrengsten, kosten en activa worden toegewezen aan de bedrijfssegmenten in die mate dat de items van opbrengsten, kosten en activa direct toewijsbaar of op redelijke wijze kunnen toegewezen worden aan de bedrijfssegmenten. De transferprijzen voor transacties tussen bedrijfssegmenten worden bepaald op een zakelijke objectieve grondslag ("arm's length" principe), op een gelijkaardige manier als voor transacties met derden.
(Z) Recent uitgegeven IFRS
In de mate dat nieuwe IFRS verplichtingen verwacht worden van toepassing te zijn in de toekomst, zijn deze hierna samengevat.
IFRS 9 Financiële instrumenten beoogt de vervanging van IAS 39 Financiële instrumenten : opname en waardering. IFRS 9 behandelt de classifi catie en waardering van fi nanciële activa en schulden. Deze standaard is de eerste fase in de vervanging van IAS 39 en zal, met terugwerkende kracht, verplicht van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van 2013. De groep heeft niet de intentie om deze standaard vervroegd toe te passen en de gevolgen van de aanpassing op de geconsolideerde jaarrekening werden nog niet bepaald.
Uitgestelde belastingen – Realisatie van onderliggende activa (Aanpassingen aan IAS 12). De wijzigingen voorzien in een vrijstelling op de algemene principes van IAS 12 – Winstbelastingen voor vastgoedbeleggingen gewaardeerd aan reële waarde en zullen verplicht van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van de groep in 2012. De aanpassingen zullen naar verwachting geen signifi cante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de groep.
Presentatie van de elementen in de niet-gerealiseerde resultaten (Aanpassingen aan IAS 1). De aanpassingen vereisen dat ondernemingen de elementen van de niet-gerealiseerde resultaten opsplitsen in de elementen die in de toekomst eventueel overgeboekt kunnen worden naar de winst- en verliesrekening, indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan, en deze die nooit naar de winst- en verliesrekening zouden worden overgeboekt. De aanpassingen, welke van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van de groep in 2013, zullen naar verwachting geen signifi cante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de groep.
IFRS 10 Geconsolideerde fi nanciële staten introduceert een nieuw model om te bepalen welke deelnemingen geconsolideerd zouden moeten worden en voorziet één model welk gebruikt dient te worden in de analyse van controle voor alle deelnemingen en zal, met terugwerkende kracht, verplicht van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van de groep in 2013. Deze nieuwe standaard zal naar verwachting geen signifi cante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de groep.
IFRS 11 Gezamenlijke overeenkomsten legt de nadruk op de rechten en plichten van gezamenlijke overeenkomsten, eerder dan op de juridische structuur (zoals momenteel het geval is). IFRS 11 maakt een onderscheid in gezamenlijke overeenkomsten tussen gezamenlijke activiteiten en joint-ventures en vereist altijd de vermogensmutatiemethode voor entiteiten met gezamenlijke zeggenschap, nu joint-ventures genaamd. IFRS 11 zal, met terugwerkende kracht, verplicht van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van de groep in 2013 en zal naar verwachting geen signifi cante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de groep.
IFRS 12 Informatieverschaffi ng over belangen in andere entiteiten omvat bepalingen met betrekking tot toelichtingen over de deelnemingen van een entiteit in dochterondernemingen, gezamenlijke overeenkomsten (gezamenlijke activiteiten en joint-ventures), geassocieerde deelnemingen en/of niet geconsolideerde entiteiten. IFRS 12 zal, met terugwerkende kracht, verplicht van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van de groep in 2013 en zal naar verwachting geen signifi cante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de groep.
IFRS 13 Reële waarde bepaling vervangt de richtlijnen omtrent de reële waarde bepaling vervat in diverse standaarden door één enkele bron van reële waardebepaling richtlijnen. De standaard defi nieert de reële waarde, geeft indicaties over de reële waarde bepaling en introduceert nieuwe bepalingen met betrekking tot de informatieverschaffi ng over de reële waarde bepaling. IFRS 13 zal verplicht van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van de groep in 2013 en zal naar verwachting geen signifi cante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de groep.
IAS 19 Personeelsbeloningen (aanpassingen 2011) bevat de volgende bepalingen :
- actuariële winsten en verliezen worden onmiddellijk opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten ; en - het verwachte rendement op fondsbeleggingen opgenomen in de winst- en verliesrekening wordt berekend op basis van de gebruikte discontovoet voor de pensioenverplichtingen.
Deze aanpassingen zullen verplicht van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van de groep in 2013. De groep heeft niet de intentie om deze standaard vervroegd toe te passen.
Zie toelichting 25 – Personeelsbeloningen waar de niet-opgenomen actuariële verliezen worden toegelicht (-15,9 miljoen EUR per 31 december 2011). Indien het verwachte rendement op fondsbeleggingen reeds in 2011 gelijkgesteld werd met de discontovoet van de pensioenverplichtingen, dan zou de geraamde impact op de geconsolideerde winst- en verliesrekening -1,3 miljoen EUR bedragen.
IAS 28 – Investeringen in geassocieerde deelnemingen en joint-ventures (2011) omvat de volgende wijzigingen :
- IFRS 5 is van toepassing op een deelneming, of een deel van een deelneming, in een geassocieerde onderneming of een joint venture die voldoet aan de criteria om voorgesteld te worden als aangehouden voor verkoop ; en
- bij verlies van signifi cante invloed of gezamenlijke controle, ook indien een deelneming in een geassocieerde onderneming een joint venture wordt of vice versa, zal de onderneming het behouden belang niet herwaarderen.
De aanpassingen, welke van toepassing worden op de geconsolideerde jaarrekening van de groep in 2013, zullen naar verwachting geen signifi cante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de groep.
2. Bepaling van de reële waarde
Een aantal van de boekhoudprincipes en toelichtingen van de groep vereisen de bepaling van de reële waarde voor zowel fi nanciële als niet-fi nanciële activa en schulden. De volgende methodes worden toegepast voor het bepalen en toelichten van de reële waarden. Meer gedetailleerde informatie betreffende de gemaakte veronderstellingen in het bepalen van de reële waarden werd, indien van toepassing, opgenomen in de specifi eke toelichtingen van dat bepaald actief of passief.
Materiële vaste activa
De reële waarde van terreinen en gebouwen, opgenomen als gevolg van een acquisitie of gebruikt tijdens de test op bijzondere waardeverminderingen, is gebaseerd op het geschatte bedrag waartegen het terrein of gebouw kan worden verhandeld onder normale marktomstandigheden op datum van waardering ("arm's length" principe). Het resultaat wordt gebenchmarked met marktprijzen, indien deze beschikbaar zijn. De vervangingskost is meer geschikt, indien er geen belangrijke en actieve markt bestaat. De reële waarde van installaties, uitrusting en verbeteringswerken is gebaseerd op de markt- en kostbenaderingen die gebruik maken van genoteerde marktprijzen voor gelijkwaardige items, indien beschikbaar, en de vervangingskost wanneer deze geschikt is. De vervangingswaarde is het resultaat van enerzijds de kost van nieuwe installaties, uitrusting en verbeteringswerken met dezelfde capaciteit en anderzijds de bedrijfswaarde rekening houdend met de bedrijfsactiviteit. De bepaling van de reële waarde van materiële vaste activa wordt gebaseerd op waarderingsstudies, die zowel intern als door externe, onafhankelijke waarderingsbedrijven met de nodige kwalifi caties en ervaring zijn opgemaakt.
Overige immateriële activa
De reële waarde van octrooien en handelsmerken, verworven door acquisitie, is gebaseerd op de verdisconteerde geschatte royaltybetalingen die vermeden worden als gevolg van het bezitten van deze octrooien en handelsmerken. De reële waarde van klantenlijsten, verworven door acquisitie, wordt bepaald aan de hand van de "multi-period excess earnings"-methode, waarbij het onderliggende actief wordt gewaardeerd na het in vermindering brengen van een redelijk rendement op de overige activa die bijdragen tot de bijhorende kasstroom.
De verdisconteerde kasstromen, als gevolg van het gebruik of de eventuele verkoop van activa, worden gebruikt voor het bepalen van de reële waarde van de overige immateriële activa. De bepaling van de reële waarde van overige immateriële activa is gebaseerd op waarderingsstudies, die zowel intern als door externe, onafhankelijke waarderingsbedrijven met de nodige kwalifi caties en ervaring zijn opgemaakt.
Voorraden
De reële waarde van voorraden, verworven door middel van bedrijfscombinaties, is gebaseerd op de geschatte verkoopprijs in de gewone bedrijfsvoering verminderd met de geschatte kosten van voltooiing en verkoop en rekening houdend met een redelijke winstmarge in verhouding tot de vereiste inspanningen om de voorraad te voltooien en te verkopen.
Afgeleide fi nanciële instrumenten
De reële waarde van een afgeleid fi nancieel instrument is het bedrag waartegen een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld tussen goed geïnformeerde en tot een transactie bereid zijnde partijen volgens een zakelijke objectieve grondslag ("arm's length" principe).
De reële waarde van termijncontracten wordt berekend als de verdisconteerde waarde van het verschil tussen de contractwaarde en de termijnkoers op balansdatum.
De reële waarde van deze instrumenten geeft in het algemeen de geschatte bedragen weer die de groep zou ontvangen bij het afsluiten van voordelige contracten of de geschatte bedragen die de groep zou moeten betalen om onvoordelige contracten te verbreken op balansdatum, hierbij rekening houdend met huidige niet-gerealiseerde winsten of verliezen op de lopende contracten.
De reële waarde van termijn aankoop- en verkoopcontracten van emissierechten is gebaseerd op de genoteerde marktprijzen voor futures van "EU allowances" (EUAs) en "Certifi ed Emission Reductions" (CERs).
Op aandelen gebaseerde betalingen
IFRS 2 Op aandelen gebaseerde betalingen vereist dat de verloning in aandelen toegekend aan het personeel verwerkt wordt in de jaarrekening op basis van de reële waarde van de warranten op de toekenningsdatum. In overeenstemming met de overgangsbepalingen opgenomen in IFRS 2 worden de warranten die toegekend werden vóór 7 november 2002 en die nog niet uitoefenbaar waren op 1 januari 2005 niet verwerkt via de winst- en verliesrekening. De reële waarde van de toegekende warranten wordt bepaald door gebruik te maken van het Black & Scholes model.
Voorzieningen
Indien de impact materieel is, worden voorzieningen bepaald door de verwachte toekomstige kasstromen te verdisconteren aan een rente die de huidige marktbeoordelingen van de tijdswaarde van geld en, indien van toepassing, het risico specifi ek gerelateerd aan de verplichting weerspiegelt.
Handels- en overige vorderingen/schulden
De nominale waarde van handels- en overige vorderingen/schulden op ten hoogste één jaar wordt verondersteld een afspiegeling te zijn van de reële waarde. De handels- en overige vorderingen op meer dan één jaar worden verdisconteerd om de reële waarde te bepalen welk vermeld wordt in bepaalde toelichtingen.
Rentedragende leningen
De reële waarde, die in bepaalde toelichtingen van toepassing is, wordt berekend op basis van de verdisconteerde toekomstige afl ossingen en rentebetalingen.
De interestvoeten die gebruikt worden om de toekomstige kasstromen te verdisconteren, indien van toepassing, zijn gebaseerd op de rendementscurve van de overheidsobligaties van toepassing op 31 december, verhoogd met een toepasselijke kredietspreiding.
Financiële leaseverplichtingen
De reële waarde, die vermeld wordt in bepaalde toelichtingen, wordt geschat op de huidige waarde van toekomstige kasstromen verdisconteerd aan de marktinterest voor homogene leaseovereenkomsten. De geschatte reële waarde weerspiegelt de verandering in de rentevoeten.
De interestvoeten om de toekomstige kasstromen te verdisconteren, indien van toepassing, zijn gebaseerd op de rendementscurve van de overheidsobligaties op 31 december, verhoogd met een toepasselijke kredietspreiding.
3. Gesegmenteerde informatie
De groep heeft acht bedrijfssegmenten in de voortgezette bedrijfsactiviteiten, op basis van haar voornaamste bedrijfsactiviteiten en economische omgevingen, zoals gedefi nieerd in IFRS 8 Operationele segmenten. De klanten en belangrijkste markten zijn verschillend voor deze segmenten. Vijf bedrijfssegmenten (inclusief het segment met de beëindigde bedrijfsactiviteiten) voldoen aan de kwantitatieve criteria en worden afzonderlijk gerapporteerd.
Op 14 juni 2011 heeft de groep de meerderheid van de Pvc/Chloor-alkali activiteiten verkocht (zie ook toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten). In overeenstemming met IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten, is dit bedrijfssegment afzonderlijk gepresenteerd als "Beëindigde bedrijfsactiviteiten Pvc/Chloor-alkali". De overblijvende Chloor-alkali activiteiten (Waterbehandeling en Zwavelderivaten) voldoen niet langer aan de kwantitatieve criteria en worden opgenomen in de "Andere activiteiten". Vergelijkbare 2010 cijfers zijn overeenkomstig aangepast.
De bedrijfssegmenten Farmaceutische tussenproducten, Organische chloorderivaten, Compounds en de overblijvende Chloor-alkali activiteiten voldoen niet aan de kwantitatieve criteria en worden gegroepeerd in "Andere activiteiten". De informatie weergegeven in onderstaande tabel stemt overeen met de informatie die beschikbaar is en op regelmatige basis door de "chief operating decision maker" (Group Management Committee) wordt geëvalueerd.
Het onderstaande overzicht beschrijft de activiteiten in elk van de gerapporteerde segmenten van de groep :
- Minerale chemie omvat het produceren en verdelen van kaliumsulfaat en veevoederfosfaten.
- Gelatine en Akiolis omvat het produceren en verdelen van gelatine, het ophalen en verwerken van dierlijke bijproducten.
- Kunststof leidingsystemen en Profi elen omvat het produceren en verdelen van Pvc profi elen, buizen en hulpstukken.
- Tessenderlo Kerley omvat het produceren en verdelen van vloeibare zwavelhoudende meststoffen, gewasbeschermingsmiddelen en de dienstverlening aan raffi naderijen van Tessenderlo Kerley services (fabrieken die gelokaliseerd zijn op de raffi naderijen waar het zwavel en andere restproducten recupereert).
- Andere activiteiten omvat het produceren en verdelen van Organische chloorderivaten (OCD), Farmaceutische tussenproducten, Compounds en de overblijvende Chloor-alkali activiteiten. Geen van deze segmenten voldoet aan één van de kwantitatieve criteria voor het bepalen van de te rapporteren bedrijfssegmenten in 2011 en 2010.
- Beëindigde Pvc/Chloor-alkali omvat het produceren en verdelen van kaliloog, natronloog en pvc en is verkocht in 2011. De overblijvende Chloor-alkali activiteiten (Waterbehandeling en Zwavelderivaten) zijn gegroepeerd in de "Andere activiteiten".
De "Niet toegewezen" activiteiten groeperen alle centrale activiteiten die diensten verlenen aan de overige acht bedrijfssegmenten en omvatten eveneens een verzekeringscaptive, fi nancieringsfi lialen en holdings.
De groep is een gediversifi eerde specialiteitengroep en is wereldwijd actief op gebied van landbouw, voeding, watermanagement, effi ciënt (her)gebruik van natuurlijke hulpbronnen en overige industriële markten. De producten van de groep worden gebruikt in uiteenlopende toepassingen en verbruikersmarkten. Hoewel de groep een leiderspositie bekleedt voor een groot deel van haar producten, is de groep niet afhankelijk van grote klanten dankzij de diversifi catie van de omzet.
De "chief operating decision maker" beoordeelt de performantie van de bedrijfssegmenten op basis van het bedrijfsresultaat voor niet-recurrente bestanddelen (REBIT). De fi nancieringskosten en -opbrengsten worden niet toegewezen aan de bedrijfssegmenten omdat deze activiteit door de centrale fi nanciële dienst wordt gestuurd, die eveneens de kaspositie van de groep beheert.
Er zijn geen verschillen ten opzichte van het laatste fi nancieel jaarverslag in de principes van segmentatie of in de methode voor de waardering van de REBIT en EBIT per segment.
De belangrijkste items van de winst- en verliesrekening en de geconsolideerde balans per segment worden hieronder weergegeven :
| Minerale Chemie |
Gelatine en Akiolis |
Kunststof leidingsystemen en Profi elen |
Tessenderlo Kerley |
Andere activiteiten |
toegewezen | Niet | bedrijfs activiteiten) |
Tessenderlo Group (Voortgezette |
bedrijfs Pvc/Chloor-alkali |
Beëindigde activiteiten |
Group | Tessenderlo | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| toe | |||||||||||||||||||
| (miljoen EUR) | lichting 2011 2010* 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | 2011 2010* 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | 2011 2010* 2011 | 2010 | |||||||
| Omzet (intern en extern) | 428,5 | 401,0 | 484,7 | 416,4 | 569,2 | 562,3 | 271,0 | 231,4 | 386,2 | 423,3 | - | - | 2 139,6 2 034,4 352,8 | 496,9 2 492,4 2 531,3 | |||||
| Omzet (intern) | 0,4 | 0,3 | 9,3 | 5,7 | 0,1 | 0,1 | 0,2 | 0,0 | 3,6 | 4,3 | - | - | 13,6 | 10,4 | -** | -** | 13,6 | 10,4 | |
| Omzet | 428,1 | 400,7 | 475,4 | 410,8 | 569,1 | 562,1 | 270,8 | 231,4 | 382,6 | 419,0 | 0,0 | 0,0 | 2 126,0 2 024,0 352,8 | 496,9 2 478,8 2 520,9 | |||||
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) vóór niet-recurrente |
22,9 | 14,3 | 37,3 | 31,8 | 17,7 | 15,7 | 56,2 | 37,4 | 2,2 | -0,4 | -31,4 | -25,9 | 104,9 | 73,0 | 4,2 | -14,1 | 109,0 | 58,9 | |
| opbrengsten/(kosten) (REBIT) | |||||||||||||||||||
| Niet-recurrente opbrengsten/(kosten) |
7 | -0,5 | 9,6 | 0,3 | 0,9 | -1,4 | -7,0 | 0,3 | -0,8 | 4,7 | -14,0 | -2,3 | 14,1 | 1,0 | 3,0 | -156,4 | -4,6 | -155,4 | -1,6 |
| Bedrijfswinst (+) / | 22,4 | 23,9 | 37,5 | 32,8 | 16,2 | 8,7 | 56,5 | 36,7 | 6,9 | -14,3 | -33,8 | -11,7 | 105,9 | 76,0 | -152,3 | -18,6 | -46,4 | 57,4 | |
| verlies (-) (EBIT) | |||||||||||||||||||
| Rendement op omzet (REBIT/omzet) |
5,3 % | 3,6 % | 7,8 % | 7,8 % | 3,1 % | 2,8 % 20,8 % 16,2 % 0,6 % | -0,1 % | - | - | 4,9 % | 3,6 % | 1,2 % | -2,8 % | 4,4 % | 2,4 % | ||||
| Gesegmenteerde activa | 176,0 | 135,7 | 409,8 | 379,6 | 309,8 | 332,1 | 182,2 | 147,8 | 179,2 | 188,2 | 53,9 | 21,8 | - | - | - | 282,7 1 310,9 1 487,8 | |||
| Deelnemingen | 15 | - | - | 3,7 | 3,0 | - | - | 8,5 | 9,4 | - | - | 8,6 | 15,3 | - | - | - | - | 20,8 | 27,7 |
| opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode |
|||||||||||||||||||
| Overige beleggingen | 16 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 5,7 | 6,7 | - | - | - | - | 5,7 | 6,7 |
| Uitgestelde belastingsvorderingen |
17 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 7,4 | 23,7 | - | - | - | - | 7,4 | 23,7 |
| Geldmiddelen en | 20 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 34,9 | 150,5 | - | - | - | - | 34,9 | 150,5 |
| kasequivalenten | |||||||||||||||||||
| Overige niet-toewijsbare | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 0,1 | - | - | - | - | - | 0,1 | |
| activa | |||||||||||||||||||
| Totaal activa | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 282,7 1 379,7 1 696,5 | |||
| Gesegmenteerde passiva | 114,2 | 102,3 | 111,7 | 106,5 | 88,1 | 106,1 | 24,2 | 19,7 | 63,3 | 72,1 | 88,8 | 109,8 | - | - | - | 107,3 | 490,3 | 623,8 | |
| Financiële schulden | 24 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 253,6 | 305,4 | - | - | - | - | 253,6 | 305,4 |
| Kortetermijnschulden bij kredietinstellingen |
24 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 0,7 | 7,1 | - | - | - | - | 0,7 | 7,1 |
| Uitgestelde belastingschulden |
17 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 30,6 | 31,6 | - | - | - | - | 30,6 | 31,6 |
| Totaal eigen vermogen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 604,6 | 728,6 | - | - | - | - | 604,6 | 728,6 | |
| Totaal eigen vermogen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 107,3 1 379,7 1 696,5 | |||
| en schulden | |||||||||||||||||||
| Investeringsuitgaven : materiële vaste activa en overige immateriële activa |
12/14 | 9,8 | 5,5 | 45,9 | 48,0 | 18,0 | 20,0 | 17,2 | 8,7 | 17,1 | 23,8 | 1,2 | 2,1 | 109,1 | 108,2 | 4,5 | 12,6 | 113,6 | 120,8 |
| Afschrijvingen van materiële vaste activa en overige immateriële activa |
9 | -5,8 | -6,4 | -28,8 | -29,0 | -26,2 | -28,8 | -10,5 | -10,6 | -10,8 | -12,8 | -1,7 | -2,7 | -83,9 | -90,3 | -12,6 | -26,1 | -96,5 | -116,4 |
| Bijzondere waardeverminderingen op goodwill, overige immateriële activa en materiële vaste activa |
9 | - | - | - | 0,5 | -0,2 | -3,1 | - | -0,2 | - | -11,0 | - | - | -0,2 | -13,8 | -151,0 | - | -151,2 | -13,8 |
* Herwerkte 2010 cijfers ten gevolge van de beëindigde bedrijfsactiviteiten Pvc/Chloor-alkali (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten).
** De beëindigde Pvc/Chloor-alkali activiteiten rapporteren niet langer interne omzet. Alle omzet gerealiseerd met andere bedrijfssegmenten van de groep (2010 : 86,0 miljoen EUR ; 2011 : 69,8 miljoen EUR) worden beschouwd als externe omzet. De overboeking van interne naar externe omzet binnen de andere bedrijfssegmenten bedraagt 7,5 miljoen EUR in 2011 (2010 : 5,6 miljoen EUR).
Het resultaat vóór belastingen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten wordt als volgt berekend :
| (miljoen EUR) | 2011 |
|---|---|
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) van de gerapporteerde bedrijfssegmenten | -19,5 |
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) van de niet toegewezen en andere activiteiten | -26,9 |
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) (EBIT) | -46,4 |
| Eliminatie van de beëindigde bedrijfsactiviteiten | 152,3 |
| Financieringskosten - netto | -25,6 |
| Aandeel in het resultaat van deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode, na winstbelasting |
5,9 |
| Winst (+) / verlies (-) vóór belastingen - Voortgezette bedrijfsactiviteiten | 86,2 |
De informatie op basis van de geografi sche segmenten omvat de omzet uit de voortgezette bedrijfsactiviteiten op basis van de geografi sche ligging van de klanten. De gesegmenteerde vaste activa zijn gebaseerd op de geografi sche ligging van de activa.
| Geografi sche informatie 2011 (miljoen EUR) | Omzet per markt | Gesegmenteerde vaste activa |
|---|---|---|
| België | 183,1 | 98,5 |
| Nederland | 189,2 | 46,3 |
| Frankrijk | 429,3 | 166,9 |
| Italië | 63,0 | 29,4 |
| Groot-Brittannië | 262,7 | 68,1 |
| Overige Europese landen | 374,6 | 23,2 |
| Verenigde Staten van Amerika | 360,0 | 108,9 |
| Overige | 264,1 | 90,6 |
| Tessenderlo Group | 2 126,0 | 631,9 |
| Geografi sche informatie 2010 (miljoen EUR) | Omzet per markt | Gesegmenteerde vaste activa |
|---|---|---|
| België | 159,0 | 252,5 |
| Nederland | 175,5 | 60,6 |
| Frankrijk | 413,7 | 199,7 |
| Italië | 48,4 | 28,4 |
| Groot-Brittannië | 264,2 | 68,3 |
| Overige Europese landen | 337,3 | 15,0 |
| Verenigde Staten van Amerika | 344,2 | 106,2 |
| Overige | 281,7 | 66,1 |
| Tessenderlo Group | 2 024,0 | 796,8 |
De daling in de gesegmenteerde vaste activa (materiële vaste activa, overige immateriële activa en goodwill) is voornamelijk verklaard door de verkoop van de Pvc/Chloor-alkali activiteiten en de verkoop van Chelsea Building Products Inc. en Dynaplast-Extruco Inc., opgenomen in de gesegmenteerde vaste activa van 2010 respectievelijk voor een bedrag van 189,2 miljoen EUR, 9,7 miljoen EUR en 2,0 miljoen EUR.
4. Acquisities en verkopen
Acquisities – Activiteiten / dochterondernemingen
Tessenderlo Kerley Inc. kondigde op 23 augustus 2011 de acquisitie aan van de activa van de Purfresh zonnescherm gewasbeschermingsactiviteit en van de Purshade productlijn inclusief de handelsmerken, productkennis, registraties, lopende patenten, overige intellectuele eigendomsrechten en klantenlijsten van Purfresh Inc., Fremont California. Purshade is erkend voor verkoop in meer dan veertig landen. The Purshade activiteit wordt beheerd en gecommercialiseerd door Tessenderlo Kerley's NovaSource® bedrijfseenheid en is complementair met de Surround® gewasbeschermingsproductlijn van de onderneming. De Purshade activiteit werd onmiddellijk geïntegreerd in de activiteiten van Tessenderlo Kerley Inc. De bijdrage van de Purshade activiteit tot de omzet en het resultaat van de groep in 2011 worden als immaterieel beschouwd. Indien deze
overname in het begin van het jaar had plaatsgevonden, zou de bijdrage tot de omzet en het resultaat van de groep in 2011 eveneens niet-signifi cant geweest zijn.
Op 9 september 2011 kondigde de groep de acquisitie aan van BT Bautechnik Group. Dyka GmbH, een Duitse dochteronderneming in het bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen", verwierf 100 % van de aandelen en stemrechten van BT Bautechnik Group, die BT Bautechnik Impex GmbH & Co. Kg, BTH Fitting Kft en Impex Wimmer GmbH omvat. Deze bedrijfscombinatie laat toe om onze klanten een uitgebreider productportfolio aan te bieden, leidt tot een sterkere aanwezigheid in Centraal- en Oost-Europa en verbetert ons aanbod omtrent regenwaterbeheer. De totale aanschaffi ngswaarde omvatte een betaling in cash van 2,2 miljoen EUR, terwijl de transactiekosten te verwaarlozen zijn. De openstaande fi nanciële schulden van de overgenomen ondernemingen (8,9 miljoen EUR) werden eveneens overgenomen door de groep. De totale aanschaffi ngswaarde kon volledig toegewezen worden aan de verworven activa en schulden en bijgevolg werd er geen goodwill opgenomen naar aanleiding van deze acquisitie. Vanaf de overnamedatum per 31 oktober 2011 droeg BT Bautechnik groep 1,7 miljoen EUR bij tot de omzet van de groep in 2011 en -0,5 miljoen EUR tot het resultaat van de groep in 2011. Indien deze overname in het begin van het jaar had plaatsgevonden zou de omzet van de groep in 2011 met ongeveer 23,0 miljoen EUR zijn toegenomen, terwijl de impact op het resultaat in 2011 als niet-signifi cant zou worden beschouwd.
Onderstaande tabel vat de impact van de overname van BT Bautechnik Group, op de fi nanciële positie van de groep in 2011, samen :
| (miljoen EUR) | Waarden vóór acquisitie |
Aanpassingen aan de reële waarde |
Erkende waarden bij acquisitie |
|---|---|---|---|
| Materiële vaste activa | 11,9 | -1,8 | 10,1 |
| Uitgestelde belastingsvorderingen | - | 0,7 | 0,7 |
| Vaste activa | 11,9 | -1,1 | 10,8 |
| Voorraden | 4,9 | -0,3 | 4,6 |
| Handels- en overige vorderingen | 3,5 | - | 3,5 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 0,4 | - | 0,4 |
| Vlottende activa | 8,8 | -0,3 | 8,5 |
| Financiële schulden | 4,9 | 0,7 | 5,6 |
| Voorzieningen | 0,4 | - | 0,4 |
| Handels- en overige schulden | 3,0 | - | 3,0 |
| Schulden op meer dan één jaar | 8,3 | 0,7 | 9,0 |
| Financiële schulden | 3,0 | 0,3 | 3,3 |
| Handels- en overige schulden | 4,7 | - | 4,7 |
| Te betalen belastingen | 0,1 | - | 0,1 |
| Schulden op ten hoogste één jaar | 7,8 | 0,3 | 8,1 |
| Netto actief | 4,6 | -2,4 | 2,2 |
| Totale (betaalde)/ontvangen prijs, voldaan in geldmiddelen |
-2,2 | ||
| Verworven/(afgestane) banksaldi en geldmiddelen | 0,4 | ||
| Netto (uitstroom)/instroom van geldmiddelen bij verwerving |
-1,8 |
Acquisities – deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode
In oktober 2011 verwierf Akiolis Group SAS, een Franse dochteronderneming in het bedrijfssegment "Gelatine en Akiolis", een belang van 20,46 % in Meta Bio Energies SAS. Deze onderneming zet organisch afval om in waardevolle meststofproducten en produceert hierbij ook groene energie. Een vergoeding van 0,6 miljoen EUR werd betaald voor dit belang van 20,46 %, terwijl de transactiekosten te verwaarlozen waren. De fi nanciële impact van deze transactie op het resultaat van de groep in 2011 is niet-signifi cant (toelichting 15 – Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode).
Verkopen
De verkopen van activiteiten, die als beëindigde bedrijfsactiviteiten volgens IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten werden opgenomen, worden in toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten toegelicht. In 2011 heeft de groep een aantal overeenkomsten aangegaan die resulteerden in de verkoop van activa, schulden en dochterondernemingen, die in overeenstemming met IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten, als groep activa die worden afgestoten zijn verwerkt.
De groep verkocht op 31 januari 2011 de dochteronderneming Tessenderlo Fine Chemicals Ltd (in het bedrijfssegment "Organische chloorderivaten") aan Tennants Consolidated Ltd. In overeenstemming met IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten, werden de activa en schulden die werden afgestoten gepresenteerd als activa en schulden aangehouden voor verkoop per eind december 2010. De verkoop resulteerde in een niet-recurrente winst, na aftrek van de transactiekosten, van 4,5 miljoen EUR (toelichting 7 – Niet-recurrente opbrensten/(kosten)). Tessenderlo Fine Chemicals Ltd heeft 4,3 miljoen EUR bijgedragen tot de omzet van de groep in 2011 (2010 : 51,8 miljoen EUR) en 0,2 miljoen EUR tot het resultaat van de groep in 2011 (2010 : 2,8 miljoen EUR).
De groep voltooide op 25 juli 2011 de verkoop van Chelsea Building Products Inc. (bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen) aan Graham Partners. De verkoop resulteerde in een niet-recurrente winst, na aftrek van transactiekosten, van 6,4 miljoen EUR (toelichting 7 – Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)). Chelsea Building Products Inc. heeft 16,2 miljoen EUR bijgedragen tot de omzet van de groep in 2011 (2010 : 34,9 miljoen EUR) en 10,5 miljoen EUR tot het resultaat van de groep in 2011 of 0,1 miljoen EUR, vóór nietrecurrente opbrengsten (2010 : 1,6 miljoen EUR).
De groep verkocht op 30 september 2011 zijn Canadese dochter Dynaplast-Extruco Inc. (bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen") aan een privé investeerder. De verkoop resulteerde in een niet-recurrent verlies, na aftrek van transactiekosten, van -3,1 miljoen EUR (toelichting 7 – Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)). Dynaplast-Extruco Inc. heeft 4,0 miljoen EUR bijgedragen tot de omzet van de groep in 2011 (2010 : 6,6 miljoen EUR), en -0,1 miljoen EUR tot het resultaat van de groep in 2011 (2010 : -3,1 miljoen EUR of -0,8 miljoen EUR, vóór niet-recurrente kosten).
| Tessenderlo Fine | Chelsea Building | Dynaplast | ||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Chemicals Ltd | Products Inc. | Extruco Inc. | Totaal |
| Goodwill | 0,5 | - | - | 0,5 |
| Materiële vaste activa | 8,2 | 9,2 | 1,8 | 19,2 |
| Overige beleggingen | - | - | 0,1 | 0,1 |
| Handels- en overige vorderingen | - | 0,2 | 0,1 | 0,3 |
| Uitgestelde belastingsvorderingen | 0,1 | 0,6 | - | 0,7 |
| Vaste activa | 8,8 | 10,0 | 2,0 | 20,8 |
| Voorraden | 4,3 | 7,7 | 1,4 | 13,4 |
| Handels- en overige vorderingen | 9,3 | 4,7 | 0,7 | 14,7 |
| Vlottende activa | 13,6 | 12,4 | 2,1 | 28,1 |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | - | - | 0,4 | 0,4 |
| Uitgestelde belastingschulden | 0,3 | 0,7 | - | 1,0 |
| Schulden op meer dan één jaar | 0,3 | 0,7 | - | 1,0 |
| Handels- en overige schulden | 6,4 | 3,9 | 0,9 | 11,2 |
| Te betalen belastingen | 0,5 | - | - | 0,5 |
| Schulden op ten hoogste één jaar | 6,9 | 3,9 | 0,9 | 11,7 |
Onderstaande tabel toont de belangrijkste categorieën van activa en schulden van de groepen activa die werden afgestoten, op datum van hun verkoop :
De groep kondigde op 21 september 2011 de verkoop aan van 13,33 % van de aandelen van T-Power SA, een onafhankelijke elektriciteitsproducent die een 425 MW centrale op basis van aardgas exploiteert in Tessenderlo (België), aan Tokyo Gas. De verkoop dient nog goedgekeurd te worden door de overheid, de andere aandeelhouders en derde partijen. Na het afronden van de transactie behoudt de groep een belang van 20,0 % van de aandelen en stemrechten in T-Power SA. Het belang van 13,33 % werd per 31 december 2011 gepresenteerd als "Vaste activa aangehouden voor verkoop" (toelichting 21 – Vaste activa aangehouden voor verkoop).
5. Beëindigde bedrijfsactiviteiten
De groep verkocht op 14 juni 2011 de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten (OCD) activiteiten aan Kerling (via INEOS ChlorVinyls), één van de grootste chloor-alkali producenten in Europa, een globale leider in chloorderivaten en Europa's grootste Pvc producent.
Deze transactie resulteerde in de verkoop van de aandelen van de volgende ondernemingen : Limburgse Vinyl Maatschappij NV (België), Société Artésienne de Vinyle SAS (Frankrijk), LVM Limburg BV (Nederland) en Tessenderlo Chemie Maastricht BV (Nederland). Deze activiteiten stellen ongeveer 850 mensen te werk. De transactie werd afgesloten op 1 augustus 2011. Op 1 augustus 2011 ontving de groep 110,0 miljoen EUR, op basis van een verkoop vrij van cash en zonder schuld.
In overeenstemming met IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten werden de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten opgesplitst in de winst- en verliesrekening en in het overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten. Deze opsplitsing is van toepassing op de Pvc/Chloor-alkali activiteiten voor de cijfers van 2011, alsook voor de vergelijkende cijfers van 2010. De Organische chloorderivaten activiteiten worden beschouwd als activa en schulden die werden afgestoten vermits de groep nog voortgezette OCD activiteiten in Italië en China heeft.
De impact van de beëindigde bedrijfsactiviteiten op de winst- en verliesrekening en het kasstroomoverzicht van de groep wordt in onderstaande tabel weergegeven :
| (miljoen EUR) | 2011 (7 M) |
2010 (12 M) |
|---|---|---|
| Resultaat van beëindigde bedrijfsactiviteiten | ||
| Omzet | 352,8 | 496,9 |
| Kosten | -348,6 | -511,0 |
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) vóór niet-recurrente bestanddelen (REBIT) | 4,2 | -14,1 |
| Niet-recurrente opbrengsten/(kosten) | 1,0 | -4,6 |
| Verlies op de verkoop van beëindigde bedrijfsactiviteiten | -157,4 | - |
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) (EBIT) | -152,3 | -18,6 |
| Financieringskosten - netto | -0,7 | 0,2 |
| Winst (+) / verlies (-) vóór belastingen | -152,9 | -18,4 |
| Belastingen op het resultaat | -0,6 | 5,6 |
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode - Beëindigde bedrijfsactiviteiten, na winstbelasting |
-153,6 | -12,8 |
| Kasstromen uit (gebruikt in) beëindigde bedrijfsactiviteiten | ||
| Netto toename (afname) geldmiddelen uit bedrijfsactiviteiten | -80,5 | 20,8 |
| Netto toename (afname) geldmiddelen uit investeringsactiviteiten | 102,8 | -9,3 |
| Netto toename (afname) geldmiddelen uit fi nancieringsactiviteiten | -22,3 | -11,5 |
| Effect op kasstromen | - | - |
Het verlies op de verkoop van de beëindigde bedrijfsactiviteiten bedraagt 157,4 miljoen EUR, inclusief de bijzondere waardevermindering van 151,0 miljoen EUR op de overige immateriële activa en materiële vaste activa volgend op de herwaardering van de activa aan de laagste waarde van de boekwaarde en de reële waarde verminderd met verkoopkosten. Het verlies omvat eveneens de opname van niet-opgenomen actuariële verliezen op pensioenplannen met een te bereiken doel binnen de verkochte ondernemingen, vergoedingen voor het opzeggen van contracten en vergoedingen voor adviesverlening. Bovendien werden de nodige overwegingen gemaakt inzake voorzieningen voor mogelijke schadeloosstellingen betaalbaar aan de overnemer, indien die er zouden zijn, met inbegrip van aangelegenheden op het gebied van gezondheid, milieu, belastingen, productaansprakelijkheid, herstructurering, concurrentie, pensioenen en vergoedingen onder de vorm van aandelen.
De onderstaande tabel toont de belangrijkste categorieën van de beëindigde bedrijfsactiviteiten en de activa en schulden die werden afgestoten op de afsluitingsdatum van de transactie. De beëindigde bedrijfsactiviteiten omvatten de Pvc/Chloor-alkali activiteiten, terwijl de activa en schulden die werden afgestoten de verkochte OCD activiteiten omvatten. De verkochte OCD activiteiten hebben 35,8 miljoen EUR bijgedragen tot de omzet van de groep in 2011 (2010 : 49,6 miljoen EUR) en -0,3 miljoen EUR tot het resultaat van de groep in 2011 (2010 : -0,1 miljoen EUR).
| Beëindigde | Activa en schulden |
||
|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | bedrijfs activiteiten |
die worden afgestoten |
Totaal |
| Totaal activa | 215,6 | 15,4 | 231,0 |
| Totaal vaste activa | 42,8 | 4,9 | 47,7 |
| Materiële vaste activa | 25,9 | 4,9 | 30,8 |
| Uitgestelde belastingsvorderingen | 16,9 | 0,0 | 16,9 |
| Totaal vlottende activa | 172,8 | 10,5 | 183,3 |
| Voorraden | 52,5 | 5,0 | 57,5 |
| Handels- en overige vorderingen | 120,3 | 5,5 | 125,8 |
| Totaal schulden | 103,7 | 6,4 | 110,1 |
| Totaal schulden op meer dan één jaar | 20,9 | 0,0 | 20,9 |
| Personeelsbeloningen | 8,1 | 0,0 | 8,1 |
| Voorzieningen | 9,8 | 0,0 | 9,8 |
| Uitgestelde belastingschulden | 3,0 | 0,0 | 3,0 |
| Totaal schulden op ten hoogste één jaar | 82,8 | 6,4 | 89,2 |
| Handels- en overige schulden | 82,0 | 6,4 | 88,4 |
| Te betalen belastingen | 0,1 | 0,0 | 0,1 |
| Voorzieningen | 0,7 | 0,0 | 0,7 |
De overgedragen netto activa bedragen 120,9 miljoen EUR. De groep ontving 110,0 miljoen EUR op afsluitingsdatum, vrij van cash en zonder schulden.
De verkoopsovereenkomst omvatte verschillende aanpassingen van de aankoopprijs. Bijgevolg heeft de groep, op 31 december 2011, een openstaande overige vordering op minder dan één jaar ten opzichte van de koper voor een bedrag van 14,7 miljoen EUR. Dit bedrag bevat eveneens de geldmiddelen van de verkochte dochterondernemingen op afsluitingsdatum.
6. Overige bedrijfsopbrengsten en -kosten
Onderstaande tabel toont de overige bedrijfsopbrengsten en -kosten van de voortgezette bedrijfsactiviteiten :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Toevoeging aan voorzieningen | -0,2 | -0,5 |
| Onderzoeks- en ontwikkelingskosten | -11,9 | -11,0 |
| Subsidies | 0,6 | 0,3 |
| Afschrijvingen | -0,6 | -1,5 |
| Meerwaarden op de realisatie van materiële vaste activa en overige immateriële activa | 0,7 | -0,3 |
| Bijzondere waardeverminderingen op handelsvorderingen | -3,2 | -3,3 |
| Overige | 4,4 | 1,0 |
| Totaal | -10,1 | -15,4 |
De kosten van de onderzoeksfase van een intern project worden onmiddellijk ten laste genomen. De onderzoeks- en ontwikkelingskosten van de voortgezette bedrijfsactiviteiten hebben voornamelijk betrekking op de lonen en salarissen voor een bedrag van 8,4 miljoen EUR (2010 : 8,0 miljoen EUR) en afschrijvingslasten voor een bedrag van 0,2 miljoen EUR (2010 : 0,2 miljoen EUR). Er werden in 2011 en 2010 geen ontwikkelingskosten geactiveerd. Zie eveneens toelichting 14 – Overige immateriële activa.
De overige bedrijfsopbrengsten en -kosten van de voortgezette bedrijfsactiviteiten omvatten voornamelijk de volgende elementen :
- De opbrengsten uit de verkoop van elektriciteit, die niet werd gebruikt in het eigen productieproces, een onderbrekingsvergoeding van elektriciteit en groene stroomcertifi caten voor een bedrag van 3,3 miljoen EUR (2010 : 1,3 miljoen EUR).
- De verzekeringspremies ontvangen door de verzekeringscaptive van de groep voor een bedrag van 3,3 miljoen EUR (2010 : 3,7 miljoen EUR).
- Als gevolg van de verkoop van de Pvc/Chloor-alkali activiteiten werden transacties tussen de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten niet langer geëlimineerd, wat resulteerde in een opbrengst van 2,2 miljoen EUR in de voortgezette bedrijfsactiviteiten (2010 : -0,7 miljoen EUR).
- De belastingen, andere dan de belastingen op het resultaat, zoals roerende voorheffi ng en regionale heffi ngen, voor een bedrag van -7,8 miljoen EUR (2010 : -8,5 miljoen EUR).
Het resterende saldo van de overige bedrijfsopbrengsten en -kosten in 2011 bestaat uit diverse, individueel, niet-signifi cante bedragen binnen meerdere dochterondernemingen van de groep.
7. Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)
De niet-recurrente opbrengsten/(kosten) van de voortgezette bedrijfsactiviteiten voor 2011 vertonen een netto opbrengst van 1,0 miljoen EUR (2010 : 3,0 miljoen EUR).
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Opbrengsten en verliezen uit verkopen | 11,2 | 22,2 |
| Voorzieningen en geschillen | 1,9 | 12,8 |
| Herstructurering | -5,6 | -11,6 |
| Bijzondere waardeverminderingen | -0,7 | -14,8 |
| Milieuvoorzieningen | 0,2 | 0,5 |
| Overige opbrengsten en kosten | -6,0 | -6,2 |
| Totaal | 1,0 | 3,0 |
De opbrengsten uit verkopen in 2011 betreffen voornamelijk de volgende :
- Op 31 januari 2011 verkocht de groep de Britse dochteronderneming Tessenderlo Fine Chemicals Ltd (bedrijfssegment "Organische chloorderivaten") aan Tennants Consolidated Ltd. De verkoop resulteerde in een niet-recurrente winst, na aftrek van transactiekosten, van 4,5 miljoen EUR (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
- Op 25 juli 2011 verkocht de groep de Amerikaanse dochteronderneming Chelsea Building Products Inc. (bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen") aan Graham Partners, een in de VS gevestigde private investeringsmaatschappij. De verkoop resulteerde in een niet-recurrente winst, na aftrek van transactiekosten, van 6,4 miljoen EUR (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
- Op 30 september 2011 verkocht de groep de Canadese dochteronderneming Dynaplast-Extruco Inc. (bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen"), aan een privé-investeerder. De verkoop resulteerde in een niet-recurrent verlies, na aftrek van transactiekosten, van -3,1 miljoen EUR (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
De overige opbrengsten uit verkopen (3,4 miljoen EUR) hebben voornamelijk betrekking op diverse, individueel niet-signifi cante verkoopovereenkomsten, hoofdzakelijk van terreinen en gebouwen, in de bedrijfssegmenten "Tessenderlo Kerley", "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" en "Compounds".
De opbrengst van "voorzieningen en geschillen" is voornamelijk het gevolg van de afschrijving van nietopgenomen actuariële winsten van pensioenplannen van Franse dochterondernemingen voor een bedrag van 2,3 miljoen EUR, die leidde tot een afname van de erkende voorzieningen.
De herstructureringskosten bedragen -5,6 miljoen EUR en hebben voornamelijk betrekking op :
- de verdere optimalisatie van processen van diverse dochterondernemingen in de bedrijfssegmenten "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" (-3,0 miljoen EUR) en "Gelatine en Akiolis" (-1,2 miljoen EUR).
- aanpassingen van de geschatte kosten voor lopende herstructeringsprogramma's in Franse dochterondernemingen actief in de bedrijfssegmenten "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" en "Farmaceutische tussenproducten" (-0,5 miljoen EUR).
- de sluiting van de fosfaat productie-eenheid in Italië. In september 2011 deelde de dochteronderneming Aliphos Italia de betrokken sociale partners haar intentie mee om de productie in de Italiaanse fabriek (Cologna Veneta) begin 2012 stop te zetten. De groep wil met die beslissing zijn productiecapaciteit aanpassen aan een afnemende Europese markt voor voederfosfaten en zo zijn vastekostenbasis verbeteren. Herstructureringsuitgaven en voorzieningen voor een bedrag van -0,8 miljoen EUR werden opgenomen om de kosten verbonden met deze sluiting te dekken, en omvatten hoofdzakelijk ontslagvergoedingen.
De overige niet-recurrente opbrengsten en kosten (-6,0 miljoen EUR) omvatten voornamelijk :
- de gerealiseerde en niet-gerealiseerde verliezen op elektriciteits(termijn)contracten, die niet langer worden gebruikt in het eigen productieproces als gevolg van de verkoop van de meerderheid van de Pvc/Chloor-alkali activiteiten in 2011 (-6,3 miljoen EUR).
- eenmalige vergoedingen voor adviesverlening met betrekking tot de reorganisatie en optimalisatie van verschillende activiteiten (-2,0 miljoen EUR).
- een voorziening aangelegd voor verlieslatende lease overeenkomsten voor een bedrag van -1,2 miljoen EUR (zie toelichting 26 – Voorzieningen)
Deze kosten werden gedeeltelijk gecompenseerd door :
- de terugname van waardeverminderingen op handelsvorderingen die niet langer noodzakelijk waren voor een bedrag van 1,5 miljoen EUR (toelichting 28 – Financiële instrumenten).
- een ontvangen verzekeringsvergoeding voor een bedrag van 1,5 miljoen EUR.
- een opbrengst ten gevolge van de inperking van een pensioenplan met een te bereiken doel in Groot-Brittannië naar aanleiding van de verkoop van Tessenderlo Fine Chemicals Ltd voor een bedrag van 0,9 miljoen EUR, in het bedrijfssegment "Organische chloorderivaten" (toelichting 25 – Personeelsbeloningen).
De niet-recurrente bestanddelen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten voor 2010 toonden een netto opbrengst van 3,0 miljoen EUR.
De opbrengsten uit verkopen in 2010 betroffen voornamelijk de volgende :
- De groep heeft zijn zinkchloride activiteit, via haar Frans fi liaal "Produits Chimiques de Loos SAS" (bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen"), gelegen te Loos (Frankrijk), verkocht aan het Belgische Floridienne Chimie op 1 maart 2010. De verkoop resulteerde in een niet-recurrente opbrengst van 1,6 miljoen EUR.
- De groep verkocht haar fi liaal "Immo Watro NV", het vastgoedbedrijf dat eigenaar is van het administratieve gebouw van de groep in Brussel, aan de Duitse institutionele fondsbeheerder GLL Real Estate Partners GmbH op 30 november 2010. De groep sloot een operationele lease overeenkomst met de Duitse institutionele fondsbeheerder af. Het hoofdkantoor van de groep bleef gevestigd op de huidige locatie. De verkoop resulteerde in een niet-recurrente opbrengst, na aftrek van de transactiekosten, van 12,6 miljoen EUR.
- Tijdens het vierde kwartaal van 2010 verkocht Tessenderlo Chemie NV terreinen, gelegen in Tessenderlo, België, wat resulteerde in een niet-recurrente opbrengst van 6,3 miljoen EUR.
De overige opbrengsten uit verkopen (1,8 miljoen EUR) hadden voornamelijk betrekking op diverse, individueel niet-signifi cante verkoopovereenkomsten, hoofdzakelijk van terreinen en klantenlijsten, in de bedrijfssegmenten "Gelatine en Akiolis", "Minerale chemie", "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" en "Farmaceutische tussenproducten".
De Europese Commissie was tot een besluit gekomen omtrent het onderzoek gevoerd door de Europese Commissie naar kartelvorming binnen de sector van de veevoederfosfaten. Dit onderzoek werd gestart in 2004 en werd met een beslissing van de Europese Commissie afgerond op 20 juli 2010. Een boete van 83,8 miljoen EUR werd door de Europese Commissie opgelegd, terwijl de voorziening 97,0 miljoen EUR
bedroeg. Een niet-recurrente opbrengst van 13,2 miljoen EUR werd geboekt in de rubriek voorzieningen en geschillen.
De herstructureringskosten van 2010 hadden voornamelijk betrekking op de reorganisatie van de activiteiten in het bedrijfssegment "Farmaceutische tussenproducten" op de site in Calais (Frankrijk). Deze reorganisatie was aangegaan opdat de site op korte termijn kon herstellen, om nieuwe markten te ontwikkelen en haar positie op de farmaceutische markt te behouden, teneinde terug economisch gezond te worden. De herstructureringsuitgaven en -voorzieningen beliepen 5,5 miljoen EUR om de kosten verbonden met deze herstructurering te dekken, en omvatten hoofdzakelijk ontslagvergoedingen.
In het vierde kwartaal van 2010 was de groep eveneens de sluiting van een fi liaal gestart, gelegen in Avion, Frankrijk, binnen het bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen". De herstructureringsuitgaven en -voorzieningen beliepen 1,6 miljoen EUR om de kosten voor de sluiting te dekken, en omvatten hoofdzakelijk ontslagvergoedingen.
De overige herstructureringskosten waren, individueel beschouwd, minder signifi cant en bedroegen in totaal 4,5 miljoen EUR, waarvan 2,2 miljoen EUR binnen het bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" en 1,5 miljoen EUR binnen "Niet toegewezen" activiteiten. Deze kosten hadden voornamelijk betrekking op de verdere optimalisatie van de processen.
De bijzondere waardeverminderingen bedroegen 14,8 miljoen EUR. Deze bijzondere waardeverminderingen hadden voornamelijk betrekking op materiële vaste activa die deel uitmaakten van de bedrijfssegmenten "Organische chloorderivaten" (10,4 miljoen EUR) en "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" (2,6 miljoen EUR).
De jaarlijkse test op bijzondere waardeverminderingen op goodwill resulteerde in een bijzondere waardevermindering van 0,6 miljoen EUR binnen de bedrijfssegmenten "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" en "Farmaceutische tussenproducten".
De overige bijzondere waardeverminderingen (1,2 miljoen EUR) hadden voornamelijk betrekking op diverse, individueel niet-signifi cante afwaarderingen op overige beleggingen binnen de "Niet-toegewezen" activiteiten (1,1 miljoen EUR).
De overige niet-recurrente opbrengsten en kosten (-6,2 miljoen EUR) omvatten diverse, individueel minder belangrijke items zoals onder andere eenmalige vergoedingen voor adviesverlening met betrekking tot de reorganisatie en optimalisatie van verschillende activiteiten (2,5 miljoen EUR).
8. Personeelskosten en hiermee verbonden voordelen
De personeelskosten en hiermee verbonden voordelen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten zijn als volgt :
| (miljoen EUR) | toelichting | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| Lonen en salarissen | -274,7 | -260,6 | |
| Bijdragen van de werkgever aan de sociale zekerheid | -70,2 | -63,1 | |
| Overige personeelskosten | -20,6 | -30,1 | |
| Bijdrage aan vaste bijdrage pensioenplannen | -4,3 | -3,7 | |
| Kosten gerelateerd aan te bereiken doel pensioenplannen | 25 | -1,3 | -6,4 |
| Totaal | -371,1 | -363,9 |
De overige personeelskosten omvatten eveneens de kost van de kapitaalsverhoging ten gunste van het personeel voor een bedrag van 0,5 miljoen EUR (2010 : 0,3 miljoen EUR) en de kost van de op aandelen gebaseerde betalingen voor een bedrag van 1,2 miljoen EUR (2010 : 2,7 miljoen EUR), beide opgenomen in de winst- en verliesrekening tegenover het eigen vermogen.
Het gemiddeld aantal voltijds equivalenten van de voortgezette bedrijfsactiviteiten voor 2011 bedraagt 7 186 (2010 : 7 356).
9. Bijkomende informatie betreffende bedrijfskosten volgens kostensoort
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten zijn opgenomen in de volgende rubrieken van de winst- en verliesrekening over 2011 :
| Afschrijvingen en bijzondere waarde verminderingen op materiële |
Afschrijvingen en bijzondere waarde verminderingen op overige |
Bijzondere waarde verminderingen |
||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | vaste activa | immateriële activa | op goodwill | Totaal |
| Kostprijs verkopen | -63,5 | -5,7 | - | -69,2 |
| Administratieve kosten | -8,2 | - | - | -8,2 |
| Verkoop- en marketingkosten | - | -5,7 | - | -5,7 |
| Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten) | -0,8 | - | - | -0,8 |
| Bijzondere waardeverminderingen | -0,2 | - | - | -0,2 |
| Totaal | -72,7 | -11,4 | - | -84,1 |
De totale afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen van de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten in 2011 bedragen respectievelijk 84,1 miljoen EUR en 163,9 miljoen EUR (toelichting 12 – Materiële vaste activa, toelichting 13 – Goodwill en toelichting 14 – Overige immateriële activa). Rekening houdend met de afschrijvingen op overheidssubsidies in de beëindigde bedrijfsactiviteiten in 2011 voor een bedrag van 0,3 miljoen EUR, bedragen de netto afschrijvingskosten en bijzondere waardeverminderingen 247,7 miljoen EUR.
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten zijn opgenomen in de volgende rubrieken van de winst- en verliesrekening over 2010 :
| Afschrijvingen en bijzondere waarde verminderingen |
Afschrijvingen en bijzondere waarde verminderingen |
Bijzondere waarde |
||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | op materiële vaste activa |
op overige immateriële activa |
verminderingen op goodwill |
Totaal |
| Kostprijs verkopen | -69,1 | -4,3 | - | -73,4 |
| Administratieve kosten | -8,0 | - | - | -8,0 |
| Verkoop- en marketingkosten | - | -7,3 | - | -7,3 |
| Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten) | -1,7 | - | - | -1,7 |
| Bijzondere waardeverminderingen | -13,0 | - | -0,8 | -13,8 |
| Totaal | -91,8 | -11,6 | -0,8 | -104,1 |
De totale afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen van de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten in 2010 bedroegen respectievelijk 104,1 miljoen EUR en 27,1 miljoen EUR (toelichting 12 – Materiële vaste activa, toelichting 13 – Goodwill en toelichting 14 – Overige immateriële activa). Rekening houdend met de afschrijvingen op overheidssubsidies in de beëindigde bedrijfsactiviteiten in 2010 voor een bedrag van 1,0 miljoen EUR, bedroegen de netto afschrijvingskosten en bijzondere waardeverminderingen 130,2 miljoen EUR.
10. Financieringskosten en -opbrengsten
Financieringskosten (voortgezette bedrijfsactiviteiten) :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Interestkosten op fi nanciële schulden gewaardeerd aan afgeschreven kostprijs | -16,1 | -17,1 |
| Wisselkoersverliezen | -7,6 | -6,2 |
| Herwaardering aan reële waarde van afgeleide fi nanciële instrumenten | -13,3 | -5,2 |
| Overige | -8,9 | -11,7 |
| Totaal | -45,9 | -40,2 |
Financieringsopbrengsten (voortgezette bedrijfsactiviteiten) :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Interestopbrengsten op geldmiddelen en kasequivalenten | 1,2 | 1,4 |
| Ontvangen dividenden, niet-geconsolideerde ondernemingen | 0,1 | - |
| Wisselkoerswinsten | 12,6 | 9,2 |
| Herwaardering aan reële waarde van afgeleide fi nanciële instrumenten | 6,4 | 0,5 |
| Overige | 0,1 | 0,3 |
| Totaal | 20,4 | 11,3 |
Eind april 2011 heeft de groep een overeenkomst afgesloten betreffende de herziening en verlenging van de gesyndiceerde kredietfaciliteit, aanvankelijk aangegaan in februari 2010, voor een bedrag van 450,0 miljoen EUR (zie ook toelichting 24 – Financiële schulden). Deze nieuwe kredietfaciliteit heeft een looptijd van 5 jaar, tot april 2016. De totaal betaalde transactiekosten op deze herziene en verlengde gesyndiceerde kredietfaciliteit bedragen 3,7 miljoen EUR. Deze transactiekosten werden opgenomen in de fi nanciële schulden en worden afgeschreven volgens de effectieve rentevoetmethode. De afschrijvingslasten van de periode worden opgenomen in de interestkosten.
De afschrijvingslasten op de transactiekosten (originele en herziene gesyndiceerde kredietfaciliteit en de private plaatsing) bedragen 2,0 miljoen EUR in 2011 (2010 : 3,6 miljoen EUR), terwijl de resterende nog ten laste te nemen transactiekosten 8,1 miljoen EUR bedragen op 31 december 2011.
De wisselkoerswinsten en -verliezen worden gedeeltelijk gecompenseerd door de herwaardering aan reële waarde van de afgeleide fi nanciële instrumenten (zie eveneens toelichting 28 – Financiële instrumenten).
De overige fi nancieringskosten van de voortgezette bedrijfsactiviteiten omvatten voornamelijk kosten die gepaard gaan met het "non-recourse" factoring programma (3,8 miljoen EUR), het afwikkelen van de verdisconteringsimpact van voorzieningen (0,8 miljoen EUR), de betaling van de bereidsstellingsprovisie ("commitment fee") die van toepassing is op het ongebruikte gedeelte van de herziene gesyndiceerde kredietfaciliteit (2,2 miljoen EUR), kosten verbonden aan de vervroegde terugbetaling van de lening van de Europese Investeringsbank (0,3 miljoen EUR), alsook overige bankkosten en vergoedingen.
De daling van de overige fi nancieringskosten in vergelijking met 2010 is voornamelijk verklaard door eenmalige kosten voor de afwikkeling van de cross currency interestswaps in het laatste kwartaal van 2010 (1,6 miljoen EUR) en de kosten verbonden aan verklaringen van afstand ("waivers") evenals juridische kosten (1,1 miljoen EUR) opgelopen in 2010 als gevolg van het niet nakomen van convenanten eind 2009.
11. Belastingen op het resultaat
De totale belastingen op het resultaat sluiten aan met de belastingen op het resultaat uit de voortgezette en de beëindigde bedrijfsactiviteiten als volgt :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Belastingen op het resultaat opgenomen in de winst- en verliesrekening | ||
| Voortgezette bedrijfsactiviteiten | ||
| Verschuldigde belastingen | -27,9 | -17,0 |
| Wijziging verschuldigde belastingen vorige periodes | 1,1 | 0,0 |
| Uitgestelde belastingen | -1,5 | 1,3 |
| Totale belastingen uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | -28,3 | -15,7 |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | ||
| Verschuldigde belastingen | -0,1 | -0,1 |
| Uitgestelde belastingen | -0,5 | 5,7 |
| Totale belastingen uit beëindigde bedrijfsactiviteiten | -0,6 | 5,6 |
| Totale belastingen in de winst- en verliesrekening | -28,9 | -10,1 |
De reconciliatie tussen het theoretisch belastingtarief en het effectief belastingtarief voor de totale belastingen op het resultaat is als volgt :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten | ||
| Opgenomen in de winst- en verliesrekening | ||
| Verschuldigde belastingen | -28,0 | -17,1 |
| Wijziging verschuldigde belastingen vorige periodes | 1,1 | - |
| Uitgestelde belastingen | -2,0 | 7,0 |
| Totale belastingen in de winst- en verliesrekening | -28,9 | -10,1 |
| Winst (+) / verlies (-) vóór belastingen | -66,7 | 30,4 |
| Min het aandeel in het resultaat van deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode, na winstbelasting |
5,9 | 1,6 |
| Winst (+) / verlies (-) vóór belastingen en vóór het aandeel in het resultaat van deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode |
-72,6 | 28,8 |
| Effectief belastingtarief | N/A | 35,1 % |
| Aansluiting met effectief belastingtarief | ||
| Winst (+) / verlies (-) vóór belastingen en vóór het aandeel in het resultaat van deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode |
-72,6 | 28,8 |
| Theoretisch belastingtarief (*) | 28,1 % | 43,4 % |
| Verwachte belastingen aan het theoretisch belastingtarief | 20,4 | -12,5 |
| Verschil tussen theoretische en effectieve belastingen | -49,3 | 2,4 |
| Wijziging van de uitgestelde belastingen | -0,7 | -0,4 |
| Verandering van het belastingtarief | 0,1 | - |
| Opname (+) / terugname (-) van een voorheen opgenomen belastingsverlies | -0,8 | -0,4 |
| Wijziging van de belastingen | -48,6 | 2,8 |
| Niet-aftrekbare kosten | -55,6 | -3,4 |
| Impact van bijzondere belastingregimes | 3,9 | 4,5 |
| Gebruik of opname van voorheen niet geboekte fi scale verliezen/belastingkredieten | 3,1 | 7,3 |
| Fiscale verliezen waarvoor geen uitgestelde belastingsvordering werd verwerkt | -2,5 | -10,8 |
| Impact van fi scale consolidatieregimes | - | - |
| Wijziging verschuldigde belastingen vorige periodes | 1,1 | - |
| Overige | 1,4 | 5,2 |
(*) Theoretische geaggregeerde gewogen gemiddelde belastingtarief van alle ondernemingen van de groep
De niet-aftrekbare kosten van 2011 hebben voornamelijk betrekking op de verkoop van de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten (OCD) activiteiten. Ten gevolge van deze verkoop werd een bijzondere waardevermindering geboekt van 151,0 miljoen EUR op de materiële vaste activa en op de overige immateriële activa (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten). Het verlies op de aandelentransactie is niet fi scaal aftrekbaar en is opgenomen in de "niet-aftrekbare kosten" voor een bedrag van -50,3 miljoen EUR.
12. Materiële vaste activa
| Installaties, | Meubilair | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Terreinen en | machines en | en rollend | Activa in | ||
| (miljoen EUR) | gebouwen | uitrusting | materieel | aanbouw | Totaal |
| Kostprijs | |||||
| Op 1 januari 2011 | 444,8 | 2 045,5 | 114,6 | 66,3 | 2 671,2 |
| - wijziging in de consolidatiekring (activa en schulden van de groep activa die werd afgestoten) |
-9,8 | -120,7 | -2,3 | -2,1 | -134,9 |
| - wijziging in de consolidatiekring (beeïndigde bedrijfsactiviteiten) |
-57,8 | -599,4 | -5,5 | -7,9 | -670,6 |
| - wijziging in de consolidatiekring (acquisities) |
6,6 | 3,5 | - | - | 10,1 |
| - voorziening voor ontmanteling | 0,1 | 0,2 | - | - | 0,3 |
| - aanschaffi ngen | 3,4 | 24,1 | 3,2 | 75,8 | 106,5 |
| - verkopen en buitengebruikstellingen | -1,4 | -10,8 | -7,3 | - | -19,5 |
| - overboekingen | 8,7 | 31,8 | 0,9 | -38,8 | 2,6 |
| - omrekeningsverschillen | 1,1 | -7,3 | -1,5 | -1,4 | -9,1 |
| Op 31 december 2011 | 395,7 | 1 366,9 | 102,1 | 91,9 | 1 956,6 |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen |
|||||
| Op 1 januari 2011 | -241,7 | -1 646,6 | -94,6 | 0,0 | -1 982,9 |
| - wijziging in de consolidatiekring (activa en schulden van de groep activa die werd afgestoten) |
3,4 | 112,6 | 2,1 | 0,9 | 119,0 |
| - wijziging in de consolidatiekring (beeïndigde bedrijfsactiviteiten) |
37,1 | 590,5 | 5,5 | 5,7 | 638,8 |
| - afschrijvingen | -13,1 | -63,5 | -8,0 | - | -84,6 |
| - bijzondere waardeverminderingen | -10,5 | -132,2 | -0,4 | -6,6 | -149,7 |
| - verkopen en buitengebruikstellingen | 0,3 | 9,5 | 6,9 | - | 16,7 |
| - overboekingen | -0,1 | -3,8 | 0,5 | - | -3,4 |
| - omrekeningsverschillen | -0,9 | 7,8 | 1,4 | - | 8,3 |
| Op 31 december 2011 | -225,5 | -1 125,7 | -86,6 | 0,0 | -1 437,8 |
| Netto boekwaarde van investeringssubsidies |
|||||
| - netto-investeringssubsidies op 1 januari 2011 |
- | -6,1 | - | - | -6,1 |
| - netto-investeringssubsidies op 31 december 2011 |
- | - | - | - | - |
| Netto boekwaarde | |||||
| Op 1 januari 2011 | 203,1 | 392,8 | 20,0 | 66,3 | 682,2 |
| Op 31 december 2011 | 170,3 | 241,1 | 15,5 | 91,9 | 518,8 |
| Installaties, | Meubilair | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Terreinen en | machines en | en rollend | Activa in | |
| gebouwen | uitrusting | materieel | aanbouw | Totaal | |
| Kostprijs | |||||
| Op 1 januari 2010 | 452,3 | 2 014,5 | 124,5 | 48,3 | 2 639,6 |
| - wijziging in de consolidatiekring | -16,5 | -0,2 | -0,1 | - | -16,8 |
| - voorziening voor ontmanteling | - | 0,6 | - | - | 0,6 |
| - aanschaffi ngen | 10,2 | 32,8 | 2,6 | 71,5 | 117,1 |
| - verkopen en buitengebruikstellingen | -3,6 | -28,4 | -6,0 | - | -38,0 |
| - overboekingen naar vaste activa aangehouden voor verkoop (toelichting 21) |
-2,3 | -31,2 | -0,7 | -0,1 | -34,3 |
| - overboekingen | 1,0 | 40,4 | -6,6 | -54,9 | -20,1 |
| - omrekeningsverschillen | 3,7 | 17,0 | 0,9 | 1,5 | 23,1 |
| Op 31 december 2010 | 444,8 | 2 045,5 | 114,6 | 66,3 | 2 671,2 |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen |
|||||
| Op 1 januari 2010 | -236,0 | -1 603,0 | -98,8 | 0,0 | -1 937,8 |
| - wijziging in de consolidatiekring | 4,7 | 0,1 | 0,1 | - | 4,9 |
| - afschrijvingen | -14,3 | -82,5 | -7,2 | - | -104,0 |
| - bijzondere waardeverminderingen | -0,7 | -12,3 | - | - | -13,0 |
| - verkopen en buitengebruikstellingen | 2,4 | 25,9 | 5,6 | - | 33,9 |
| - overboekingen naar vaste activa aangehouden voor verkoop (toelichting 21) |
1,8 | 23,5 | 0,7 | - | 26,0 |
| - overboekingen | 1,4 | 13,6 | 5,7 | - | 20,7 |
| - omrekeningsverschillen | -1,0 | -11,9 | -0,7 | - | -13,6 |
| Op 31 december 2010 | -241,7 | -1 646,6 | -94,6 | 0,0 | -1 982,9 |
| Netto boekwaarde van investeringssubsidies |
|||||
| - netto-investeringssubsidies op 1 januari 2010 |
- | -7,1 | - | - | -7,1 |
| - netto-investeringssubsidies op 31 december 2010 |
- | -6,1 | - | - | -6,1 |
| Netto boekwaarde | |||||
| Op 1 januari 2010 | 216,3 | 404,4 | 25,7 | 48,3 | 694,7 |
| Op 31 december 2010 | 203,1 | 392,8 | 20,0 | 66,3 | 682,2 |
De afname van de netto boekwaarde van de materiële vaste activa is voornamelijk het gevolg van de verkoop van de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten) evenals van de verkoop van de dochterondernemingen Chelsea Building Products Inc. en Dynaplast-Extruco Inc. (toelichting 4 – Acquisities en verkopen). Voordat deze activa voorgesteld werden als vaste activa aangehouden voor verkoop werden ze gewaardeerd aan de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde verminderd met de verkoopkosten. De verkoop van de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten) resulteerde in een bijzondere waardevermindering van 151,0 miljoen EUR, waarvan 149,5 miljoen betrekking had op de materiële vaste activa. De bijzondere waardevermindering werd opgenomen als niet-recurrente kost in de winst- en verliesrekening van de beëindigde bedrijfsactiviteiten.
Op 31 oktober 2011 verwierf de groep BT Bautechnik Group (toelichting 4 – Acquisities en verkopen). De wijziging in de consolidatiekring door acquisitie bedroeg 10,1 miljoen EUR.
De investeringen in materiële vaste activa bedragen 106,5 miljoen EUR en hebben voornamelijk betrekking op de volgende bedrijfssegmenten :
-
"Gelatine en Akiolis" (39,3 miljoen EUR), voornamelijk met betrekking tot de bouw van nieuwe fabrieken voor de productie van gelatine in Acorizal, Mato Grosso, Brazilië en in Heilongjiang, China. Beide fabrieken worden verwacht volledig operationeel te zijn in 2012. De activa in aanbouw in dit bedrijfssegment bedragen 53,9 miljoen EUR per eind december 2011.
-
"Tessenderlo Kerley" (17,0 miljoen EUR), omvat de investeringen voor de bouw van een nieuwe ATS fabriek (Oklahoma), die gepland is operationeel te zijn eind 2012. De activa in aanbouw bedragen 14,6 miljoen EUR per eind december 2011.
- "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" (15,8 miljoen EUR). Bovenop de normale investeringsuitgaven, kondigde de groep in november 2011 de opening aan van een nieuwe recyclagefabriek voor Pvc profi elen, gelegen in Derbyshire (Groot-Brittannië).
De investeringsuitgaven in 2011 omvatten 1,9 miljoen EUR fi nancieringskosten gerelateerd aan de bouw van de nieuwe fabriek voor de productie van gelatine in Brazilië. De fi nancieringskosten in 2010 waren niet-signifi cant.
In toelichting 9 – Bijkomende informatie betreffende bedrijfskosten volgens kostensoort worden de rubrieken van de winst- en verliesrekening toegelicht waarin de afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten zijn verwerkt.
In 2007 heeft de Vlaamse overheid een investeringssubsidie van 12,5 miljoen EUR toegekend aan Tessenderlo Chemie NV en Limburgse Vinyl Maatschappij NV voor grootschalige ecologische investeringen. De resterende netto-investeringssubsidie op 31 december 2010 bedroeg 6,1 miljoen EUR en 0,3 miljoen EUR werd hierop afgeschreven in 2011. Deze investeringssubsidie maakte deel uit van de beëindigde bedrijfsactiviteiten.
In de context van de herziene kredietovereenkomst (zie toelichting 24 – Financiële schulden) treden 22 groepsvennootschappen op als guarantor en garanderen in die hoedanigheid betalingsverplichtingen van de obligors (deze zijn zowel borrowers als guarantors) onder de kredietovereenkomst. De totale materiële vaste activa van de guarantors moet tijdens de ganse looptijd van de kredietovereenkomst minimum 60 % van de materiële vaste activa op groepsniveau bedragen, zoniet dienen bijkomende groepsvennootschappen als guarantor toe te treden tot de kredietovereenkomst. De materiële vaste activa van de guarantors bedraagt 66,4 % (2010 : 75,8 %) van de materiële vaste activa op groepsniveau per 31 december 2011. Bovendien dienen de materiële vaste activa van de gelatine fabriek in Brazilië als onderpand voor de FCO lening met Banco Do Brasil SA (toelichting 24 – Financiële schulden).
De groep least materiële vaste activa onder een aantal fi nanciële leasingovereenkomsten. Op het einde van elk van deze leasingcontracten heeft de groep de optie om de activa aan een voordelige prijs aan te schaffen. Op 31 december 2011 bedroeg de netto boekwaarde van deze geleasde materiële vaste activa 2,1 miljoen EUR (2010 : 3,4 miljoen EUR). Voor een overzicht van de leasingschulden, zie ook toelichting 24 – Financiële schulden.
De fi nanciële leasingcontracten werden voornamelijk geboekt op meubilair en rollend materieel voor een bedrag van 0,2 miljoen EUR (2010: 1,0 miljoen EUR) en terreinen en gebouwen voor een bedrag van 1,9 miljoen EUR (2010: 2,4 miljoen EUR).
De bijzondere waardeverminderingen voor een bedrag van 13,0 miljoen EUR in 2010 hadden hoofdzakelijk betrekking op de materiële vaste activa van fi lialen in de bedrijfssegmenten "Organische chloorderivaten" (10,4 miljoen EUR) en "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" (2,6 miljoen EUR). Deze bijzondere waardeverminderingen waren de volgende :
- Een bijzondere waardevermindering van 10,4 miljoen EUR werd geboekt in de kasstroomgenererende eenheid van de Italiaanse "Organische chloorderivaten" die bestaat uit één productie-eenheid in Pieve Vergonte. De markt en marges voor de producten van het desbetreffende fi liaal bleven onder de verwachtingen in 2010. De resultaten van de kasstroomgenererende eenheid, waarvoor de identifi catie niet gewijzigd was ten opzichte van voorbije jaren, lagen eveneens onder de projecties. Deze resultaten zorgden er voor dat de groep zijn vooruitzichten en kijk op het vermogen van de markt om te verbeteren, moest herbekijken. De realiseerbare waarde van de activa van de kasstroomgenererende eenheid werd bepaald aan de hand van berekeningen betreffende de bedrijfswaarde en resulteerde in een bijzondere waardevermindering van 10,4 miljoen EUR. De discontovoet, van toepassing in de berekening van de bedrijfswaarde, bedroeg 12,05 %. De bijzondere waardevermindering werd toegewezen aan de volgende categorieën van activa : terreinen en gebouwen en installaties, machines en uitrusting.
- Een bijzondere waardevermindering van 2,3 miljoen EUR werd geboekt voor een productie-eenheid van een niet-Europese kasstroomgenererende eenheid binnen het bedrijfssegment "Kunststof
leidingsystemen en Profi elen". Het economische klimaat, evenals het verlies van 2 grote klanten, werden beschouwd als aanwijzingen op een mogelijke bijzondere waardevermindering en bijgevolg werd deze kasstroomgenererende eenheid onderworpen aan een test op bijzondere waardevermindering op jaareinde 2010. De realiseerbare waarde van de activa van de kasstroomgenererende eenheid werd bepaald aan de hand van berekeningen betreffende de bedrijfswaarde en resulteerde in een bijzondere waardevermindering van 2,3 miljoen EUR. De discontovoet, van toepassing in de berekening van de bedrijfswaarde, bedroeg 10,47 %. De bijzondere waardevermindering werd eerst toegerekend aan de netto boekwaarde van de, aan de kasstroomgenererende eenheid toegerekende, goodwill (0,5 miljoen EUR, toelichting 13 – Goodwill). De resterende bijzondere waardevermindering werd vervolgens toegerekend aan de activa installaties, machines en uitrusting (1,8 miljoen EUR).
- Naar aanleiding van de sluiting van een site in Frankrijk (Avion) in het bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" werd de realiseerbare waarde van de materiële vaste activa bepaald aan de hand van de netto-opbrengstwaarde. De reële waarde van elke categorie van de materiële vaste activa werd gebaseerd op zowel een externe als interne waarderingsstudie. Onverkoopbare activa werden volledig afgeschreven op datum van beëindiging van de bedrijfsactiviteiten. Verhandelbare activa werden gewaardeerd op basis van beschikbare kennis en ervaring, aanwezig binnen het betreffende bedrijfssegment, rekening houdend met beschikbare informatie omtrent de waarde op tweedehands markten. De geraamde transactiekosten werden van de opbrengstwaarde afgetrokken. Een bijzondere waardevermindering van 1,0 miljoen EUR werd toegewezen aan de volgende activa categorieën : terreinen en gebouwen en installaties, machines en uitrusting.
De overboeking naar andere categorieën van activa, per eind december 2010, had hoofdzakelijk betrekking op de afzonderlijke voorstelling van materiële vaste activa aangehouden voor verkoop in overeenstemming met IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten. De verkoop van het fi liaal Tessenderlo Fine Chemicals Ltd werd afgerond in januari 2011 (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Kostprijs | ||
| Op 1 januari | 80,5 | 79,7 |
| - wijziging in de consolidatiekring (activa en schulden van de groep activa die werd afgestoten) |
-1,1 | - |
| - overboekingen naar vaste activa aangehouden voor verkoop (toelichting 21) | - | -1,0 |
| - omrekeningsverschillen | 2,0 | 1,8 |
| Op 31 december | 81,4 | 80,5 |
| Bijzondere waardeverminderingen | ||
| Op 1 januari | -27,1 | -26,1 |
| - wijziging in de consolidatiekring (activa en schulden van de groep activa die werd afgestoten) |
1,1 | - |
| - bijzondere waardeverminderingen | - | -0,8 |
| - overboekingen naar vaste activa aangehouden voor verkoop (toelichting 21) | - | 0,5 |
| - omrekeningsverschillen | -0,4 | -0,7 |
| Op 31 december | -26,4 | -27,1 |
| Netto boekwaarde | ||
| Op 1 januari | 53,4 | 53,6 |
| Op 31 december | 55,0 | 53,4 |
13. Goodwill
In het vierde kwartaal van 2011 werkte de groep haar jaarlijkse test op bijzondere waardeverminderingen op goodwill af en besloot, op basis van de hieronder vermelde veronderstellingen, dat geen bijzondere waardevermindering noodzakelijk werd geacht.
De groep kan niet voorspellen wanneer en of er zich een feit zal voordoen dat een bijzondere waardevermindering noodzaakt, noch hoe dit de gerapporteerde activawaarden zal beïnvloeden. De groep gelooft dat al haar inschattingen redelijk zijn. Ze zijn consistent met de interne rapportering en weerspiegelen de beste inschattingen van het management.
Goodwill maakt slechts ongeveer 4,0 % uit van de totale activa van de groep op 31 december 2011 en bedraagt 55,0 miljoen EUR (2010 : 3,2 % of 53,4 miljoen EUR).
De netto boekwaarde van goodwill per bedrijfssegment en per kasstroomgenererende eenheid worden weergegeven in onderstaande tabel :
| 2011 | 2010 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Kostprijs (*) |
Waarde vermindering/ Afschrijving (**) |
Netto boekwaarde |
Kostprijs | Waarde vermindering/ Afschrijving (**) |
Netto boekwaarde |
| Gelatine en Akiolis | 28,9 | -1,8 | 27,1 | 27,8 | -1,7 | 26,1 |
| Groep Akiolis | 20,6 | -1,4 | 19,2 | 20,6 | -1,4 | 19,2 |
| Gelatine Amerika | 8,3 | -0,4 | 7,9 | 7,2 | -0,4 | 6,8 |
| Tessenderlo Kerley | 7,0 | -4,4 | 2,6 | 6,8 | -4,3 | 2,5 |
| Kunststof leidingsystemen en Profi elen |
44,9 | -19,5 | 25,4 | 45,3 | -20,4 | 24,9 |
| Dynaplast-Extruco Inc. | - | - | - | 1,1 | -1,1 | - |
| Groep Eurocell | 22,6 | -5,6 | 16,9 | 21,9 | -5,5 | 16,4 |
| John Davidson Pipes | 3,5 | -1,1 | 2,3 | 3,4 | -1,1 | 2,3 |
| Kunststof Leidingsystemen Benelux |
3,0 | - | 3,0 | 3,0 | - | 3,0 |
| Profi alis | 15,9 | -12,7 | 3,2 | 15,9 | -12,7 | 3,2 |
| Andere activiteiten | 0,6 | -0,6 | - | 0,6 | -0,6 | - |
| Chemilyl SAS | 0,6 | -0,6 | - | 0,6 | -0,6 | - |
| Totaal | 81,4 | -26,4 | 55,0 | 80,5 | -27,1 | 53,4 |
(*) Er werd geen goodwill verworven in 2011. Afwijkingen met 2010 kunnen voorkomen en zijn te wijten aan omrekeningsverschillen. (**) Goodwill werd afgeschreven tot 1 januari 2004.
De netto boekwaarde van de goodwill is signifi cant ten opzichte van de totale netto boekwaarde van de goodwill van de groep voor de volgende kasstroomgenererende eenheden per 31 december 2011 :
-
Groep Akiolis (onderdeel van het bedrijfssegment Gelatine en Akiolis) ; 19,2 miljoen EUR (2010 : 19,2 miljoen EUR).
-
Gelatine Amerika (onderdeel van het bedrijfssegment Gelatine en Akiolis) ; 7,9 miljoen EUR (2010 : 6,8 miljoen EUR).
-
Groep Eurocell (onderdeel van het bedrijfssegment Kunststof leidingsystemen en Profi elen) ; 16,9 miljoen EUR (2010 : 16,4 miljoen EUR).
De test op bijzondere waardeverminderingen op goodwill steunt op een aantal kritische oordeelsvormingen, schattingen en veronderstellingen. Goodwill werd getest op bijzondere waardeverminderingen op het niveau van zijn kasstroomgenererende eenheid, gebruik makend van berekeningen betreffende de bedrijfswaarde.
De belangrijkste oordeelsvormingen, schattingen en veronderstellingen die gebruikt werden in de berekeningen zijn de volgende :
-
De cashfl owprojectie van het eerste jaar is gebaseerd op het huidige fi nancieel budget zoals goedgekeurd door het management (2012).
-
Voor de daaropvolgende 4 jaar zijn de kasstromen gebaseerd op de activa in hun huidige toestand en omvatten deze geen investeringsuitgaven die de winstgevendheid van de activa verhogen tegenover hun origineel ingeschatte standaardperformantie. Enkel de investeringsuitgaven vereist voor het behouden van de activa in hun huidige toestand worden in rekening gebracht. De belangrijkste parameters voor het bepalen van de toekomstige vrije kasstromen zijn de marktevolutie, het marktaandeel en de marge op de omzet. De kasstromen zijn gebaseerd op de meest recente fi nanciële projecties en op de perceptie van het management omtrent de ontwikkeling van de verkopen en kosten voor deze toekomstige periode.
-
Om de eindwaarde te berekenen, werden de data van het vijfde jaar geëxtrapoleerd door vereenvoudigde veronderstellingen te hanteren zoals constante verkochte hoeveelheden, gecombineerd met constante kosten. Het groeipercentage werd verondersteld nul te zijn.
- Projecties werden gemaakt in de functionele munt van de kasstroomgenererende eenheid en zijn verdisconteerd aan de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) na belastingen op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid. Deze varieert tussen 7,5 % en 10,7 %. Aangezien de kasstromen na winstbelasting worden opgenomen in de berekening van de 'bedrijfswaarde' van de kasstroomgenererende eenheden, wordt een discontovoet na winstbelasting gebruikt om consistent te blijven.
De gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) die werd gebruikt in de test op bijzondere waardeverminderingen bedroeg voor groep Eurocell, groep Akiolis en Gelatine Amerika respectievelijk 9,6 % (2010 : 10,7 %), 8,3 % (2010 : 8,0 %) en 10,7 % (2010 : 8,2 %).
De toename van deze WACC's met 1 % en een gelijktijdige afname van de totale toekomstige verwachte kasstroom met 10 % zou er niet toe hebben geleid dat de boekwaarde binnen de signifi cante kasstroomgenererende eenheden groter is dan hun realiseerbare waarde.
Hoewel de groep gelooft dat zijn oordeelsvormingen, veronderstellingen en schattingen gepast zijn, kunnen de werkelijke resultaten afwijken van deze schattingen in geval van andere veronderstellingen of omstandigheden.
14. Overige immateriële activa
| Levensduur | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bepaald | Onbepaald | ||||||
| (miljoen EUR) | Ontwikkeling | Concessies, octrooien, licenties |
Software Klantenlijsten | Overige immateriële activa |
Overige immateriële activa |
Totaal | |
| Kostprijs | |||||||
| Op 1 januari 2011 | 3,8 | 49,4 | 16,8 | 39,1 | 18,2 | 2,0 | 129,3 |
| - wijziging in de consolidatiekring (acquisities) |
- | 0,6 | - | 1,0 | 1,1 | - | 2,7 |
| - wijziging in de consolidatiekring (beeïndigde bedrijfsactiviteiten) |
- | -13,8 | - | - | - | - | -13,8 |
| - aanschaffi ngen | - | 1,5 | 5,5 | 0,1 | - | - | 7,1 |
| - overdrachten en buitengebruikstellingen | -0,4 | -0,1 | -0,1 | -0,9 | - | - | -1,5 |
| - overboekingen | -3,1 | 3,0 | -0,3 | - | - | - | -0,4 |
| - omrekeningsverschillen | - | 0,8 | 0,1 | 0,7 | 0,7 | 0,1 | 2,4 |
| Op 31 december 2011 | 0,3 | 41,4 | 22,0 | 40,0 | 20,0 | 2,1 | 125,8 |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | |||||||
| Op 1 januari 2011 | -3,2 | -30,1 | -13,4 | -12,7 | -8,7 | 0,0 | -68,1 |
| - wijziging in de consolidatiekring (beeïndigde bedrijfsactiviteiten) |
- | 13,8 | - | - | - | - | 13,8 |
| - afschrijvingen | -0,3 | -4,8 | -1,3 | -4,6 | -1,2 | - | -12,2 |
| - bijzondere waardeverminderingen | - | -1,5 | - | - | - | - | -1,5 |
| - overdrachten en buitengebruikstellingen | 0,4 | 0,1 | 0,1 | 0,9 | - | - | 1,5 |
| - overboekingen | 2,9 | -3,0 | - | - | - | - | -0,1 |
| - omrekeningsverschillen | - | -0,5 | - | -0,4 | -0,2 | - | -1,1 |
| Op 31 december 2011 | -0,3 | -26,0 | -14,6 | -16,8 | -10,1 | 0,0 | -67,7 |
| Netto boekwaarde | |||||||
| Op 1 januari 2011 | 0,6 | 19,3 | 3,4 | 26,4 | 9,5 | 2,0 | 61,2 |
| Op 31 december 2011 | 0,0 | 15,5 | 7,4 | 23,2 | 9,9 | 2,1 | 58,1 |
| Levensduur | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bepaald | Onbepaald | ||||||
| (miljoen EUR) | Ontwikkeling | Concessies, octrooien, licenties |
Software Klantenlijsten | Overige immateriële activa |
Overige immateriële activa |
Totaal | |
| Kostprijs | |||||||
| Op 1 januari 2010 | 3,8 | 46,3 | 16,3 | 37,2 | 17,3 | 1,9 | 122,8 |
| - aanschaffi ngen | - | 1,6 | 1,0 | 0,8 | 0,3 | - | 3,7 |
| - overdrachten en buitengebruikstellingen | - | -0,2 | -1,0 | - | -0,1 | - | -1,3 |
| - overboekingen | - | 0,2 | - | 0,1 | -0,4 | - | -0,1 |
| - omrekeningsverschillen | - | 1,5 | 0,5 | 1,0 | 1,1 | 0,1 | 4,2 |
| Op 31 december 2010 | 3,8 | 49,4 | 16,8 | 39,1 | 18,2 | 2,0 | 129,3 |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | |||||||
| Op 1 januari 2010 | -2,6 | -25,8 | -12,7 | -7,9 | -6,4 | 0,0 | -55,4 |
| - afschrijvingen | -0,7 | -4,3 | -1,6 | -4,6 | -2,2 | - | -13,4 |
| - overdrachten en buitengebruikstellingen | - | 0,2 | 1,0 | - | - | - | 1,2 |
| - overboekingen | - | - | - | - | 0,2 | - | 0,2 |
| - omrekeningsverschillen | 0,1 | -0,2 | -0,1 | -0,2 | -0,3 | - | -0,7 |
| Op 31 december 2010 | -3,2 | -30,1 | -13,4 | -12,7 | -8,7 | 0,0 | -68,1 |
| Netto boekwaarde | |||||||
| Op 1 januari 2010 | 1,2 | 20,5 | 3,6 | 29,3 | 10,9 | 1,9 | 67,4 |
| Op 31 december 2010 | 0,6 | 19,3 | 3,4 | 26,4 | 9,5 | 2,0 | 61,2 |
Tessenderlo Kerley Inc. kondigde op 23 augustus 2011 de acquisitie aan van de activa van de Purfresh zonnescherm gewasbeschermingsactiviteit en van de Purshade productlijn inclusief de handelsmerken, productkennis, registraties, lopende patenten, overige intellectuele eigendomsrechten en klantenlijsten van Purfresh Inc., Fremont California (VSA). Purshade is erkend voor verkoop in meer dan veertig landen (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
De verkoop van de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten (toelichting 5 – beëindigde bedrijfsactiviteiten) hebben slechts een geringe impact op netto boekwaarde van de overige immateriële activa. Voordat deze activa voorgesteld werden als vaste activa aangehouden voor verkoop werden ze gewaardeerd aan de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde verminderd met de verkoopkosten. De verkoop van de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten) leidde tot een bijzondere waardevermindering van 151,0 miljoen EUR, waarvan 1,5 miljoen betrekking had op de overige immateriële activa. De bijzondere waardevermindering werd opgenomen als niet-recurrente kost in het resultaat van de beëindigde bedrijfsactiviteiten.
De investeringsuitgaven in overige immateriële activa bedragen 7,1 miljoen EUR in 2011. De informatie per bedrijfssegment wordt verschaft in toelichting 3 – Gesegmenteerde informatie. De investeringsuitgaven hebben voornamelijk betrekking op de implementatie van een nieuwe ERP software, waarvan 1,5 miljoen EUR nog steeds in aanbouw is per jaareinde en waarop nog niet werd afgeschreven.
Er werden geen fi nancieringskosten geactiveerd in 2011 and 2010.
De "overige" immateriële activa met een bepaalde gebruiksduur bestaan voornamelijk uit nietconcurrentiebedingen, know how, productlabels en gebruiksrechten op terreinen. De nietconcurrentiebedingen, de productlabels en know how worden afgeschreven op lineaire basis over 5 – 15 jaar.
In toelichting 9 – Bijkomende informatie betreffende bedrijfskosten volgens kostensoort worden de rubrieken van de winst- en verliesrekening toegelicht waarin de afschrijvingen, bijzondere waardeverminderingen en de terugnames van bijzondere waardeverminderingen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten zijn verwerkt.
De overige immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur bestaan uit handelsmerken die beschouwd worden een onbepaalde levensduur te hebben tenzij plannen zouden bestaan om de gerelateerde activiteit te beëindigen. De overige immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur zijn onderworpen aan een test op bijzondere waardeverminderingen en er werden geen bijzondere waardeverminderingen noodzakelijk geacht.
Er werden geen overige immateriële activa als zekerheid in pand gegeven ter dekking van verplichtingen.
15. Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode
Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode bestaan uit joint-ventures en geassocieerde ondernemingen.
De joint-ventures van de groep zijn :
| Eigendom | |||
|---|---|---|---|
| Land | 2011 | 2010 | |
| MPR Middle East WLL | Bahrein | 50 % | 50 % |
| Établissements Michel SAS | Frankrijk | 50 % | 50 % |
| Établissements Violleau SAS | Frankrijk | 50 % | 50 % |
| Siram SARL | Frankrijk | 50 % | 50 % |
| Jupiter Sulphur LLC | Verenigde Staten van Amerika | 50 % | 50 % |
De geassocieerde ondernemingen van de groep zijn :
| Eigendom | |||
|---|---|---|---|
| Land | 2011 | 2010 | |
| T-Power SA | België | 33,33 % | 33,33 % |
| Meta Bio Energies SAS | Frankrijk | 20,46 % | - |
| Alkemin S de RL de CV | Mexico | 49,50 % | 49,50 % |
| Wolf Mountain Products LLC | Verenigde Staten van Amerika | 45,00 % | 45,00 % |
In oktober 2011 heeft Akiolis Group SAS, een Franse dochteronderneming binnen het bedrijfssegment "Gelatine en Akiolis", een belang van 20,46 % verworven in Meta Bio Energies SAS. Deze onderneming zet organisch afval om in waardevolle meststofproducten, waarbij groene energie geproduceerd wordt. Een bedrag van 0,6 miljoen EUR werd betaald voor dit belang van 20,46 % (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
De boekwaarde van de deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode is als volgt :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Alkemin S de RL de CV | 0,0 | 0,0 |
| Établissements Michel SAS | 0,6 | 0,6 |
| Établissements Violleau SAS | 1,5 | 1,4 |
| Jupiter Sulphur LLC | 8,5 | 8,2 |
| MPR Middle East WLL | 0,0 | 0,0 |
| Siram SARL | 1,0 | 1,0 |
| T-Power SA | 8,6 | 15,2 |
| Meta Bio Energies SAS | 0,6 | - |
| Wolf Mountain Products LLC | 0,0 | 1,3 |
| Totaal | 20,8 | 27,7 |
Het geplaatst kapitaal van de geassocieerde onderneming T-Power SA, waarin Tessenderlo Chemie NV een deelneming heeft van 33,33 %, werd in 2011 met 6,6 miljoen EUR verhoogd. Bijgevolg heeft Tessenderlo Chemie NV 2,2 miljoen EUR bijgedragen.
In september 2011 heeft Tessenderlo Group 13,33 % van de participatie in T-Power SA verkocht, waarmee het belang van 33,33 % teruggebracht werd tot 20,00 %. De transactie is nog onderworpen aan de goedkeuring van de overheid, andere aandeelhouders en derde partijen. De goedkeuring wordt verwacht in de loop van 2012. Op 31 december 2011 werd 13,33 % van de deelneming in T-Power SA (5,8 miljoen EUR) overgeboekt naar de "Vaste activa aangehouden voor verkoop" (toelichting 21 – Vaste activa aangehouden voor verkoop).
De fi nanciële prestatie van Wolf Mountain Products LLC heeft in 2011 tot een bijzondere waardevermindering van de activa van Wolf Mountain Products LLC geleid voor een bedrag van 3,7 miljoen USD. De impact voor de groep bedroeg 1,2 miljoen EUR, opgenomen in het "Aandeel in het resultaat van deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode, na winstbelasting". Deze bijzondere waardevermindering vermindert de boekwaarde van de deelneming in Wolf Mountain Products LLC tot nul.
Samenvatting van de fi nanciële informatie van deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode aan 100 % :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | 30,6 | 28,2 |
| Vaste activa | 454,2 | 404,1 |
| Schulden op ten hoogste één jaar | 27,1 | 19,6 |
| Schulden op meer dan één jaar | 388,5 | 341,8 |
| Omzet | 95,6 | 44,1 |
| Brutowinst | 59,5 | 14,5 |
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) vóór niet-recurrente bestanddelen (REBIT) | 35,3 | 10,9 |
| Bedrijfswinst (+) / verlies (-) (EBIT) | 32,7 | 6,7 |
| Financieringskosten - netto | -10,7 | -0,2 |
| Winst (+) / verlies (-) vóór belastingen | 22,0 | 6,5 |
| Winst (+) / verlies (-) over de verslagperiode | 13,3 | 2,8 |
De commerciële activiteiten van T-Power SA zijn gestart in juli 2011 onder een tollingovereenkomst met de RWE groep, een groot energieconcern met hoofdzetel in Duitsland. De omzet van T-Power SA bedroeg 38,6 miljoen EUR in 2011, terwijl het nettoresultaat over de verslagperiode 5,4 miljoen EUR bedroeg.
16. Overige beleggingen
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Beleggingen in aandelen | 4,5 | 5,3 |
| Waarborgen / deposito's / overige | 1,2 | 1,4 |
| Totaal | 5,7 | 6,7 |
| Beleggingen in aandelen | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Exeltium SAS, Frankrijk | 0,7 | 1,4 |
| FERTI NRJ SAS, Frankrijk | 0,3 | 0,3 |
| GLOBE International NV, België | 0,5 | 0,5 |
| Indaver NV, België | 0,6 | 0,6 |
| LVM United Kingdom Ltd, Groot-Brittannië | 0,1 | 0,1 |
| Tessenderlo Chemie España TCE sa, Spanje | 0,6 | 0,6 |
| Tessenderlo Schweiz AG, Zwitserland | 0,8 | 0,8 |
| Overige | 0,9 | 1,0 |
| Totaal | 4,5 | 5,3 |
De investeringen in niet-genoteerde ondernemingen worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met bijzondere waardeverminderingen, aangezien hun reële waarde niet op een betrouwbare wijze bepaald kan worden.
17. Uitgestelde belastingsvorderingen en -schulden
| Vorderingen Schulden Netto |
||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | 2011 | 2010 |
| Materiële vaste activa | 4,4 | 6,7 | -30,2 | -37,3 | -25,8 | -30,6 |
| Goodwill | 1,4 | 2,0 | - | - | 1,4 | 2,0 |
| Overige immateriële activa | 3,4 | 5,0 | -8,2 | -7,5 | -4,8 | -2,5 |
| Voorraden | 1,5 | 1,5 | -2,6 | -2,0 | -1,1 | -0,5 |
| Vorderingen | 0,2 | 0,3 | - | - | 0,2 | 0,3 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 1,1 | - | -0,7 | -0,9 | 0,4 | -0,9 |
| Overige vlottende activa | 1,9 | 1,5 | -1,8 | -2,0 | 0,1 | -0,5 |
| Personeelsbeloningen | 3,4 | 4,7 | -8,6 | -6,5 | -5,2 | -1,8 |
| Voorzieningen | 3,5 | 5,6 | -17,4 | -18,3 | -13,9 | -12,7 |
| Andere bestanddelen | 0,5 | - | -2,0 | -2,3 | -1,5 | -2,3 |
| Fiscaal overgedragen verliezen | 27,0 | 41,6 | - | - | 27,0 | 41,6 |
| Bruto uitgestelde belastingsvorderingen | 48,3 | 68,9 | -71,5 | -76,8 | -23,2 | -7,9 |
| (schulden) | ||||||
| Compensatie van belastingen | -40,9 | -45,2 | 40,9 | 45,2 | ||
| Netto uitgestelde belastingsvorderingen (schulden) |
7,4 | 23,7 | -30,6 | -31,6 | -23,2 | -7,9 |
De daling van de uitgestelde belastingsvorderingen en -schulden kan voornamelijk verklaard worden door de verkoop van de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten in 2011. De opgenomen uitgestelde belastingsvorderingen op de overgedragen fi scale verliezen binnen deze activiteiten bedroegen 15,1 miljoen EUR op 31 december 2010.
Alle bewegingen van uitgestelde belastingsvorderingen en -schulden worden geboekt in de winst- en verliesrekening, met uitzondering van het wisselkoerseffect bij de omrekening naar euro van de uitgestelde belastingsvorderingen en -schulden van geconsolideerde buitenlandse dochterondernemingen en de uitgestelde belastingen op kasstroomafdekkingen, welke verwerkt worden in het eigen vermogen.
Op 31 december 2011 werden uitgestelde belastingschulden voor een bedrag van 9,2 miljoen EUR (2010 : 10,6 miljoen EUR), betreffende de niet-uitgekeerde reserves binnen de dochterondernemingen van de groep, niet opgenomen onder de uitgestelde belastingschulden omdat het management niet verwacht dat deze schuld zich zal realiseren in de nabije toekomst. De daling van deze schuld is voornamelijk het gevolg van het uitkeren van dividenden aan de moedervennootschap in 2011.
De overgedragen fi scale verliezen en belastingskredieten, inclusief de notionele interestaftrek, waarvoor geen uitgestelde belastingsvordering werd aangelegd, bedragen 143,8 miljoen EUR (2010: 215,2 miljoen EUR). 6,7 miljoen EUR van deze belastingskredieten zijn voor een beperkte periode overdraagbaar (vervaldatum 2013-2018). Uitgestelde belastingsvorderingen werden niet aangelegd omdat het onwaarschijnlijk is dat voldoende belastbare winst (in de komende vijf jaar) beschikbaar zal zijn om van het belastingsvoordeel te kunnen genieten.
18. Handels- en overige vorderingen
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Handels- en overige vorderingen op meer dan één jaar | ||
| Handelsvorderingen | 0,9 | 1,1 |
| Bruto handelsvorderingen | 0,9 | 1,1 |
| Waardeverminderingen | - | - |
| Overige vorderingen | 0,4 | 1,1 |
| Vorderingen gerelateerd aan pensioenplannen | 28,2 | 20,7 |
| Totaal | 29,5 | 22,9 |
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Handels- en overige vorderingen op ten hoogste één jaar | ||
| Handelsvorderingen | 234,5 | 253,8 |
| Bruto handelsvorderingen | 245,9 | 268,3 |
| Waardeverminderingen | -11,5 | -14,5 |
| Overige vorderingen | 53,2 | 42,7 |
| Vooruitbetalingen | 2,4 | 1,1 |
| Vorderingen op verbonden partijen | 0,8 | 1,9 |
| Totaal | 290,9 | 299,5 |
Vorderingen op verbonden partijen hebben betrekking op vorderingen op joint-ventures en geassocieerde ondernemingen (toelichting 32 – Verbonden partijen).
De ouderdomsbalans van de bruto handelsvorderingen en waardeverminderingen wordt toegelicht in de rubriek "Kredietrisico" van toelichting 28 – Financiële instrumenten.
De handels- en overige vorderingen van 2010 omvatten overige vorderingen op meer dan één jaar (0,6 miljoen EUR) en handelsvorderingen op ten hoogste één jaar (48,9 miljoen EUR) die deel uitmaakten van de verkochte Pvc/Chloor-alkali en Organische chloorderivaten activiteiten evenals van de verkochte fi lialen Chelsea Building Products Inc. en Dynaplast-Extruco Inc. (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
De toename van de vorderingen gerelateerd aan pensioenplannen is voornamelijk het gevolg van de betaalde werkgeversbijdragen die hoger waren dan de netto periodieke pensioenkosten van de pensioenplannen met een te bereiken doel, en van de opbrengst van de inperking die erkend werd naar aanleiding van de verkoop van Tessenderlo Fine Chemicals Ltd (toelichting 25 – Personeelsbeloningen).
Een bedrag van 85,8 miljoen EUR (2010 : 121,2 miljoen EUR) werd op 31 december 2011 ontvangen in cash via diverse "non-recourse" factoringprogramma's, waarbij handelsvorderingen zijn verkocht aan hun nominale waarde verminderd met een korting in ruil voor cash. Het netto bedrag van de verkochte handelsvorderingen wordt niet langer op de balans opgenomen.
19. Voorraden
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Hulpstoffen | 97,3 | 105,2 |
| Goederen in bewerking | 21,1 | 22,5 |
| Gereed product | 193,5 | 184,2 |
| Handelsgoederen | 39,0 | 37,8 |
| Totaal | 350,8 | 349,7 |
De voorraden van de verkochte Pvc/Chloor-alkali en Organische chloorderivaten activiteiten (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten) evenals van de verkochte fi lialen Chelsea Building Products Inc. en Dynaplast-Extruco Inc. (toelichting 4 – Acquisities en verkopen) bedroegen 65,4 miljoen EUR in 2010, en omvatten voornamelijk hulpstoffen (25,9 miljoen EUR) en gereed product (36,9 miljoen EUR). De voorraden opgenomen op de overnamedatum van BT Bautechnik Group bedroegen 4,6 miljoen EUR (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
De voorraden op 31 december 2011 werden in het bijzonder beïnvloed door de lage verkopen op jaareinde in het bedrijfssegment "Minerale chemie" en door een toegenomen voorraad hulpstoffen tegenover een uitzonderlijk laag voorraadniveau per 31 december 2010.
Er werden geen voorraden in pand gegeven.
De voorraadkost die werd verwerkt in de kostprijs verkopen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten in 2011 bedraagt 1 023,2 miljoen EUR (2010 : 933,8 miljoen EUR).
De boekwaarde van de voorraad, gewaardeerd aan netto-opbrengstwaarde eind 2011 bedraagt 24,6 miljoen EUR (2010 : 31,5 miljoen EUR). Een bedrag van 3,3 miljoen EUR werd in kost genomen in de voortgezette bedrijfsactiviteiten in 2011 (2010 : 4,3 miljoen EUR).
In 2011 werd een opbrengst voor de terugname van een afwaardering van voorraden voor een bedrag van 0,2 miljoen EUR geboekt in de voortgezette bedrijfsactiviteiten ten gevolge van gewijzigde schattingen (2010 : 1,8 miljoen EUR).
20. Geldmiddelen en kasequivalenten
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Termijndeposito's | 4,3 | 86,5 |
| Zichtrekeningen | 30,6 | 64,0 |
| Totaal | 34,9 | 150,5 |
| Kortetermijnschulden bij kredietinstellingen | -0,7 | -7,1 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten in het kasstroomoverzicht | 34,2 | 143,4 |
21. Vaste activa aangehouden voor verkoop
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 7,8 | 18,1 |
| Verplichtingen aangehouden voor verkoop | - | 6,5 |
De groep kondigde op 21 september 2011 de verkoop aan van 13,33 % van de aandelen van T-Power SA, een onafhankelijke elektriciteitsproducent die een 425 MW centrale op basis van aardgas exploiteert in Tessenderlo (België), aan Tokyo Gas. De verkoop is onderworpen aan de goedkeuring van de overheid, de andere aandeelhouders en derde partijen. Na deze transactie zal de groep 20,0 % van de aandelen en stemrechten in T-Power SA behouden (toelichting 15 – Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode). Het belang van 13,33 %, waarvan de netto boekwaarde 5,8 miljoen EUR bedroeg per 31 december 2011, werd gepresenteerd als "Vaste activa aangehouden voor verkoop". Een bijzondere waardevermindering werd niet nodig geacht aangezien de reële waarde hoger was dan de netto boekwaarde. Deze voorstelling heeft geen invloed gehad op de geconsolideerde winst- en verliesrekening noch op het geconsolideerd overzicht van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten. T-Power SA houdt eveneens interestswaps aan waarvan de reële waarde, in overeenstemming met de boekhoudprincipes betreffende kasstroomafdekkingen, opgenomen is in het eigen vermogen. De reële waarde, na winstbelasting, betreffende de deelneming van 13,33 % rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen, bedraagt -3,6 miljoen EUR per 31 december 2011.
Het resterende bedrag van 2,0 miljoen EUR heeft betrekking op de netto boekwaarde van niet-strategische activa, voornamelijk terreinen, van een Frans fi liaal in het bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" die het management van plan is om te verkopen.
De vaste activa aangehouden voor verkoop op 31 december 2010 hadden voornamelijk betrekking op de activa en schulden van Tessenderlo Fine Chemicals Ltd, gelegen in Leek Staffordshire, Groot-Brittannië (bedrijfssegment "Organische chloorderivaten"). Deze activa en schulden die werden afgestoten, werden verkocht op 31 januari 2011 (toelichting 4 – Acquisities en verkopen / toelichting 7 – Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)).
Onderstaande tabel toont de belangrijkste categorieën van activa en schulden van de groep activa die werd afgestoten en opgenomen was als aangehouden voor verkoop per 31 december 2010 :
| (miljoen EUR) | toelichting | 2010 |
|---|---|---|
| Activa | 17,7 | |
| Totaal vaste activa | 8,9 | |
| Goodwill | 13 | 0,5 |
| Materiële vaste activa | 12 | 8,3 |
| Uitgestelde belastingsvorderingen | 0,1 | |
| Totaal vlottende activa | 8,8 | |
| Voorraden | 3,9 | |
| Handels- en overige vorderingen | 4,9 | |
| Schulden | 6,5 | |
| Totaal schulden op meer dan één jaar | 0,3 | |
| Uitgestelde belastingschulden | 0,3 | |
| Totaal schulden op ten hoogste één jaar | 6,2 | |
| Handels- en overige schulden | 6,2 |
De vaste activa aangehouden voor verkoop op 31 december 2010 bevatten eveneens de terreinen en het gebouw van een fi liaal actief in het bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" die aan hun netto boekwaarde van 0,4 miljoen EUR werden opgenomen. Naar aanleiding van een herstructurering van zijn activiteiten, bleven deze activa ongebruikt en werden ze aangehouden voor verkoop. In het derde kwartaal van 2011 werd deze dochteronderneming verkocht (toelichting 4 – Acquisities en verkopen).
22. Eigen vermogen
Aandelenkapitaal en uitgiftepremie
| Gewone aandelen | ||
|---|---|---|
| 2011 | 2010 | |
| Aantal aandelen per 1 januari | 28 715 584 | 27 798 255 |
| Betaling van het dividend 2009 in aandelen per 16 juli 2010 | - | 844 258 |
| Uitgegeven aandelen per 30 augustus 2010 | - | 73 071 |
| Betaling van het dividend 2010 in aandelen per 19 juli 2011 | 722 809 | - |
| Uitgegeven aandelen per 26 augustus 2011 | 92 665 | - |
| Aantal aandelen per 31 december - volstort | 29 531 058 | 28 715 584 |
Het aantal aandelen bevat 8 370 060 aandelen op naam (2010 : 8 043 692) en 21 160 998 gewone aandelen aan toonder (2010 : 20 671 892). De aandelen zijn zonder nominale waarde. De aandeelhouders van Tessenderlo Chemie NV hebben het recht om dividenden te ontvangen zoals goedgekeurd, alsook op één stem per aandeel op algemene aandeelhoudersvergaderingen van de vennootschap.
Het voorstel van de raad van bestuur om een bruto dividend toe te kennen van 1,3333 EUR per aandeel, zijnde 38,3 miljoen EUR, voor het boekjaar 2010, werd goedgekeurd door de aandeelhouders van Tessenderlo Chemie NV op hun jaarlijkse algemene vergadering die plaatsvond op 7 juni 2011. De raad van bestuur besliste om aandeelhouders de keuze te bieden : het dividend te ontvangen in nieuwe aandelen (dividend in aandelen) aan de prijs van 25,00 EUR per aandeel, dan wel in cash, of een combinatie van beide. De keuze van de aandeelhouders voor de betaling van het dividend in nieuwe aandelen resulteerde in de uitgifte van 722 809 additionele aandelen. Deze aandelen (met VVPR strip) werden in de verhandeling op Eurolist van NYSE Euronext Brussel opgenomen op 19 juli 2011 en verhoogden het geplaatst kapitaal en uitgiftepremies met 18,1 miljoen EUR.
Op 26 augustus 2011 nam Tessenderlo Chemie NV 92 665 aandelen (met strip VVPR) bijkomend op in de verhandeling op Eurolist van NYSE Euronext Brussel. Het gaat hierbij om 85 465 gewone aandelen onderschreven door het personeel van de 150 000 aangeboden en 7 200 gewone aandelen uitgegeven op het tijdstip van omzetting van warranten. Deze aandelen verhoogden het geplaatst kapitaal en uitgiftepremies met 2,2 miljoen EUR.
Het voorstel van de raad van bestuur om een bruto dividend toe te kennen van 1,3333 EUR per aandeel, zijnde 37,1 miljoen EUR, voor het boekjaar 2009, werd goedgekeurd door de aandeelhouders van Tessenderlo Chemie NV op hun jaarlijkse algemene vergadering die plaatsvond op 1 juni 2010. De raad van bestuur besliste om aandeelhouders de keuze te bieden : het dividend te ontvangen in nieuwe aandelen (dividend in aandelen) aan de prijs van 20,00 EUR per aandeel, dan wel in cash, of een combinatie van beide. De keuze van de aandeelhouders voor de betaling van het dividend in nieuwe aandelen resulteerde in de uitgifte van 844 258 additionele aandelen. Deze aandelen (met VVPR strip) werden in de verhandeling op Eurolist van NYSE Euronext Brussel opgenomen op 16 juli 2010 en verhoogden het geplaatst kapitaal en uitgiftepremies met 16,9 miljoen EUR.
Op 30 augustus 2010 nam Tessenderlo Chemie NV 73 071 aandelen (met strip VVPR) bijkomend op in de verhandeling op Eurolist van NYSE Euronext Brussel. Het gaat hierbij om 73 071 gewone aandelen onderschreven door het personeel van de 150 000 aangeboden. Deze aandelen verhoogden het geplaatst kapitaal en uitgiftepremies met 1,3 miljoen EUR.
Bij de omzetting van warranten werden geen gewone aandelen uitgegeven in 2010.
Toegestaan kapitaal
Zoals goedgekeurd tijdens de algemene vergadering gehouden op 7 juni 2011 werd aan de raad van bestuur de bevoegdheid toegekend om, gedurende de termijn en op de manier bepaald, het kapitaal van Tessenderlo Chemie NV, in een of meerdere malen te verhogen tot beloop van een maximum bedrag van 40,0 miljoen EUR, uitsluitend in het kader van (i) kapitaalverhogingen voorbehouden aan de personeelsleden van de groep, (ii) kapitaalverhogingen in het kader van de uitgifte van warranten ten gunste van bepaalde personeelsleden van de groep, en eventueel, ten behoeve van bepaalde personen die geen personeelslid zijn van de groep, (iii) kapitaalverhogingen in het kader van een optioneel dividend, ongeacht of in dit kader het dividend rechtstreeks wordt uitbetaald in aandelen dan wel het dividend wordt uitgekeerd in contanten en vervolgens met de uitgekeerde contanten kan worden ingeschreven op aandelen, in voorkomend geval met een opleg in geld en (iv) kapitaalverhogingen die geschieden door omzetting van reserves of overige posten van het eigen vermogen, teneinde toe te laten om het bedrag van het maatschappelijk kapitaal af te ronden naar het dichtstbijzijnde rond bedrag. Het niet gebruikte bedrag van het toegestaan kapitaal bedraagt 34,6 miljoen EUR op jaareinde.
Omrekeningsverschillen
De omrekeningsverschillen omvatten alle wisselkoersverschillen die het resultaat zijn van de omrekening van de jaarrekeningen van buitenlandse entiteiten.
Indekkingsreserves
De indekkingsreserves omvatten het effectieve deel van de cumulatieve nettowijziging in de reële waarde van kasstroomafdekkinginstrumenten voor zover het afgedekte risico nog geen invloed had op de winst- en verliesrekening.
Wettelijke reserves
Volgens de Belgische wetgeving moet elk jaar 5 % van de statutaire nettowinst van een Belgische onderneming overgedragen worden naar de wettelijke reserve tot deze wettelijke reserve 10 % van het geplaatst kapitaal bedraagt. Deze wettelijke reserve van de vennootschap bedraagt 14,4 miljoen EUR op balansdatum. Normaal kan deze reserve niet uitgekeerd worden aan de aandeelhouders, behalve in het geval van vereffening.
Herwaarderingsreserves
De herwaarderingsreserves, in overeenstemming met IFRS 3 voor bedrijfscombinaties die in meerdere fases tot stand zijn gekomen, bevatten de herwaardering aan reële waarde van het voorheen aangehouden belang in de overgenomen partij op datum van de acquisitie. De herwaarderingsmeerwaarde wordt overgeboekt naar de overgedragen resultaten op het moment van overdracht en buitengebruikstelling van de activa. De herwaarderingsreserve voor een bedrag van 10,7 miljoen EUR heeft betrekking op de toename van de reële waarde van de netto activa van het voorheen aangekochte 50 % belang in Groupe Fiso in juni 2009 (bedrijfssegment "Gelatine en Akiolis").
Dividenden
De raad van bestuur zal, na balansdatum, op de algemene vergadering van 5 juni 2012 de aandeelhouders voorstellen om een dividend van 39,4 miljoen EUR uit te keren of een brutodividend per aandeel van 1,3333 EUR. Dit dividend is nog niet goedgekeurd door de aandeelhouders en werd als dusdanig nog niet als schuld verwerkt in de geconsolideerde balans.
Kapitaalmanagement
Het beleid van de raad van bestuur bestaat erin om een sterke kapitaalbasis te behouden en zodoende het vertrouwen van investeerders, leveranciers en dat van de markt te bewaren alsook de toekomstige ontwikkeling van de activiteiten te kunnen voortzetten.
Kapitaal bestaat uit geplaatst kapitaal, uitgiftepremies, reserves en overgedragen winst.
De raad van bestuur volgt het rendement op kapitaal op, evenals het niveau van dividenden uitgekeerd aan de gewone aandeelhouders.
De raad van bestuur wenst een evenwicht te behouden tussen een hoger rendement enerzijds, mogelijk gemaakt door een hogere schuldgraad, en de voordelen en veiligheid van een sterke kapitaalstructuur anderzijds.
De gearing ratio (netto fi nanciële schuld gedeeld door de som van de netto fi nanciële schuld en het eigen vermogen toerekenbaar aan aandeelhouders van de vennootschap) op het einde van 2011 bedraagt 26,8 % (2010 : 18,3 %).
Er waren tijdens het jaar geen wijzigingen in de aanpak van de groep betreffende kapitaalmanagement.
23. Winst per aandeel
Gewone winst per aandeel
De berekening van de gewone winst per aandeel is gebaseerd op de winst toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders en het gewogen gemiddelde van het aantal gewone aandelen, uitstaand gedurende het boekjaar.
In overeenstemming met de IFRS boekhoudprincipes werden gewone winst en verwaterde winst per aandeel met terugwerkende kracht aangepast voor alle gerapporteerde periodes rekening houdend met de uitgifte van 722 809 additionele aandelen als gevolg van het dividend in aandelen (toelichting 22 – Eigen vermogen).
Het gewogen gemiddelde van het aantal gewone aandelen en de winst per aandeel worden als volgt berekend :
| 2011 | 2010 | |||
|---|---|---|---|---|
| Voortgezette bedrijfs activiteiten |
Beëindigde bedrijfs activiteiten |
Voortgezette bedrijfs activiteiten |
Beëindigde bedrijfs activiteiten |
|
| Aantal gewone aandelen per 1 januari | 28 715 584 | 28 715 584 | 27 798 255 | 27 798 255 |
| Effect van dividend in aandelen 2009 | - | - | 844 258 | 844 258 |
| Effect van dividend in aandelen 2010 | 722 809 | 722 809 | 722 809 | 722 809 |
| Aangepast aantal gewone aandelen per 1 januari | 29 438 393 | 29 438 393 | 29 365 322 | 29 365 322 |
| Effect van uitgegeven aandelen | 32 750 | 32 750 | 24 623 | 24 623 |
| Aangepast gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen per 31 december |
29 471 143 | 29 471 143 | 29 389 945 | 29 389 945 |
| Winst (+) / verlies (-) toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap (miljoen EUR) |
58,0 | -153,6 | 33,5 | -12,8 |
| Gewone winst (+) / verlies (-) per aandeel (in EUR) | 1,96 | -5,20 | 1,14 | -0,43 |
Verwaterde winst per aandeel
De berekening van de verwaterde winst per aandeel is gebaseerd op de winst toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders en het verwaterd gewogen gemiddelde van het aantal gewone aandelen, uitstaand gedurende het boekjaar.
Potentiële gewone aandelen worden als verwaterd beschouwd enkel wanneer hun omzetting in gewone aandelen zou leiden tot een daling van de winst per aandeel of toename van het verlies per aandeel van de voortgezette activiteiten.
Het verwaterd gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen en de verwaterde winst per aandeel worden als volgt berekend :
| 2011 | 2010 | |||
|---|---|---|---|---|
| Voortgezette bedrijfs activiteiten |
Beëindigde bedrijfs activiteiten |
Voortgezette bedrijfs activiteiten |
Beëindigde bedrijfs activiteiten |
|
| Aangepast gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen per 31 december |
29 471 143 | 29 471 143 | 29 389 945 | 29 389 945 |
| Effect van uitgegeven warranten | 84 399 | - | 15 962 | - |
| Verwaterd gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen per 31 december |
29 555 542 | 29 471 143 | 29 405 907 | 29 389 945 |
| Winst (+) / verlies (-) toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap (miljoen EUR) |
58,0 | -153,6 | 33,5 | -12,8 |
| Verwaterde winst (+) / verlies (-) per aandeel (in EUR) | 1,96 | -5,20 | 1,14 | -0,43 |
24. Financiële schulden
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Financiële schulden op meer dan één jaar | 180,5 | 195,4 |
| Financiële schulden op ten hoogste één jaar | 73,2 | 110,0 |
| Totaal fi nanciële schulden | 253,6 | 305,4 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | -34,9 | -150,5 |
| Kortetermijnschulden bij kredietinstellingen | 0,7 | 7,1 |
| Netto fi nanciële schuld | 219,4 | 162,0 |
De gearing ratio op het einde van 2011 bedraagt 26,8 % (eind 2010 : 18,3 %).
De bewegingstabel van de fi nanciële schulden op korte en op lange termijn per 31 december 2011 is als volgt :
| (miljoen EUR) | Financiële schulden op meer dan één jaar |
Financiële schulden op ten hoogste één jaar |
Totaal |
|---|---|---|---|
| Beginsaldo op 1 januari 2011 | 195,4 | 110,0 | 305,4 |
| Wijziging in de consolidatiekring | 5,4 | 3,2 | 8,6 |
| Nieuwe leningen | 15,9 | 13,2 | 29,1 |
| Terugbetalingen van leningen | -23,7 | -63,4 | -87,1 |
| Omrekeningsverschillen | -1,5 | 0,9 | -0,6 |
| Overboekingen | -11,5 | 11,5 | - |
| Totaal | 180,0 | 75,4 | 255,4 |
| Toevoegingen aan transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden | - | -3,7 | -3,7 |
| Transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden - Afschrijving | 0,5 | 1,5 | 2,0 |
| Eindsaldo op 31 december 2011 | 180,5 | 73,2 | 253,6 |
Van de korte termijn fi nanciële schulden per 31 december 2011, betreft een bedrag van 43,5 miljoen EUR (2010 : 53,0 miljoen EUR) handelspapier. Verschillende nieuwe uitgiften en terugbetalingen vonden plaats in 2011. De bovenstaande tabel omvat enkel de netto evolutie van dit handelspapier.
De wijziging in de consolidatiekring heeft voornamelijk betrekking op de acquisitie van de BT Bautechnik Group, welke de fi nanciële schulden op meer dan één jaar en op ten hoogste één jaar van BT Bautechnik Impex GmbH & Co. Kg en BTH Fitting Kft omvat.
De bewegingstabel van de fi nanciële schulden op korte en op lange termijn per 31 december 2010 was als volgt :
| Financiële schulden |
Financiële schulden op |
||
|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | op meer dan één jaar |
ten hoogste één jaar |
Totaal |
| Beginsaldo op 1 januari 2010 | 11,6 | 241,7 | 253,3 |
| Nieuwe leningen | 329,5 | 13,4 | 342,9 |
| Terugbetalingen van leningen | -10,0 | -275,1 | -285,1 |
| Omrekeningsverschillen | -0,1 | 0,7 | 0,6 |
| Overboekingen | -196,4 | 196,4 | - |
| Overboekingen volgend op het ontvangen van verklaringen van afstand | 65,0 | -65,0 | - |
| Totaal | 199,6 | 112,1 | 311,7 |
| Toevoegingen aan transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden | -6,9 | -3,0 | -9,9 |
| Transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden - Afschrijving | 2,7 | 0,9 | 3,6 |
| Eindsaldo op 31 december 2010 | 195,4 | 110,0 | 305,4 |
Financiële schulden op meer dan één jaar
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Financiële schulden op meer dan één jaar | ||
| Leasingschulden | 1,2 | 0,5 |
| Kredietinstellingen | 181,7 | 199,1 |
| Transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden | -2,4 | -4,2 |
| Totaal | 180,5 | 195,4 |
Termijnen en terugbetalingschema 2011 :
| 2011 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Andere munten in miljoen EUR |
In miljoen EUR |
Totaal | Rentevoet ( %) | Effectieve rentevoet ( %) |
Verval datum |
||
| Kredietinstellingen (private plaatsing) | 150,0 | 150,0 | 5,25 | (vast) | 5,72 | '15 | |
| Kredietinstellingen (Banco Do Brasil SA) | 23,0 | 23,0 | 8,5 | (vast) | - | '13-'22 | |
| Kredietinstellingen | 1,5 | 7,2 | 8,7 | 0-7,0 | (vast) | - | '13-'18 |
| Leasingschulden | 1,2 | 1,2 | 5,8 | (vast) | - | '13-'17 | |
| Transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden | -2,4 | -2,4 | '12-'15 | ||||
| Totaal | 24,5 | 156,0 | 180,5 |
Termijnen en terugbetalingschema 2010 :
| 2010 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Andere munten in miljoen EUR |
In miljoen EUR |
Totaal | Rentevoet ( %) | Effectieve rentevoet ( %) |
Verval datum |
||
| Kredietinstellingen (private plaatsing) | 150,0 | 150,0 | 5,25 | (vast) | 5,72 | '15 | |
| Kredietinstellingen (EIB) | 20,0 | 20,0 | 5,258 | (vast) | - | '12-'13 | |
| Kredietinstellingen (ING) | 10,0 | 10,0 | 3,65 | (vast) | - | '12 | |
| Kredietinstellingen (Banco Do Brasil SA) | 11,4 | 11,4 | 8,5 | (vast) | - | '13-'22 | |
| Kredietinstellingen | 1,5 | 6,2 | 7,7 | 0-6,0 | (vast) | - | '12-'17 |
| Leasingschulden | 0,5 | 0,5 | 5,8 | (vast) | - | '12-'13 | |
| Transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden | -4,2 | -4,2 | '12-'13 | ||||
| Totaal | 12,9 | 182,5 | 195,4 |
Een ING lening, die per 31 december 2010 opgenomen was in de fi nanciële schulden op meer dan één jaar en op ten hoogste één jaar, telkens voor een bedrag van 10,0 miljoen EUR, staat nog open voor een bedrag van 10,0 miljoen EUR in de fi nanciële schulden op ten hoogste één jaar op 31 december 2011.
De lening bij de Europese Investeringsbank (EIB), met een openstaande schuld van 20,0 miljoen EUR in de fi nanciële schulden op meer dan één jaar en 10,0 miljoen EUR in de fi nanciële schulden op ten hoogste één jaar per jaareinde 2010, is volledig vervroegd terugbetaald in mei 2011.
Op 15 oktober 2010 is een FCO (Fundos Constitucionais de Financiamento, een overheidsfonds) lening toegekend aan de Braziliaanse dochteronderneming PB Brasil via de Banco Do Brasil SA voor de bouw van een gelatinefabriek in Mato Grosso, Brazilië. Het totale ontleende bedrag bedraagt 55,8 miljoen BRL (23,0 miljoen EUR aan de slotkoers per 31 december 2011), en is volledig opgenomen. De interestvoet op dit krediet bedraagt 8,5 %, die het gevolg is van de langere looptijd van de lening. De activa die verworven zijn met deze fi nanciering dienen als garantie voor de lening met Banco Do Brasil SA (toelichting 12 – Materiële vaste activa). Indien de activa niet zouden voldoen aan de schulden, stellen Tessenderlo Chemie NV en PB Leiner Argentina SA zich garant in de tweede graad. De afl ossingen voor dit krediet zijn verschuldigd vanaf oktober 2013 tot september 2022.
Eind april 2011 heeft de groep een overeenkomst afgesloten betreffende de herziening en verlenging van de oorspronkelijke gesyndiceerde kredietfaciliteit van februari 2010, voor een bedrag van 450,0 miljoen EUR. Deze nieuwe kredietfaciliteit heeft een looptijd van 5 jaar, tot april 2016.
De volgende kredietlijnen zijn nu beschikbaar :
- Een doorlopende kredietfaciliteit (Facility B) van 350,0 miljoen EUR met vervaldatum april 2016 aan een rentevoet van de Euribor op 1, 2, 3 of 6 maand + een marge (van 100 tot 160 basispunten (BP)) afhankelijk van de schuldgraad van de groep (Netto Financiële Schuld/Rebitda).
- Een doorlopende leningsfaciliteit (Facility C) van 100,0 miljoen EUR met vervaldatum april 2016 aan een rentevoet van de Euribor op 1, 2, 3 of 6 maand + een marge (van 100 tot 160 BP) afhankelijk van de schuldgraad van de groep (Netto Financiële Schuld/Rebitda).
Op 31 december 2011 was er 10,0 miljoen EUR opgenomen van deze kredietlijnen onder de vorm van de ING lening zoals hierboven beschreven. Verder werd 28,3 miljoen EUR van deze kredietlijn gebruikt als garantie voor de openstaande schuld met betrekking tot de EU boete, betaalbaar in oktober 2012.
Facility A van de oorspronkelijke gesyndiceerde kredietfaciliteit, opgenomen voor een bedrag van 9,5 miljoen EUR per 31 december 2010, werd volledig terugbetaald in 2011.
De betaalde transactiekosten op deze herziene gesyndiceerde kredietfaciliteit bedragen in totaal 3,7 miljoen EUR. Deze transactiekosten worden geboekt in mindering van de fi nanciële schulden. De transactiekosten worden afgeschreven volgens de effectieve rentevoetmethode en worden opgenomen in de interestkosten. De resterende transactiekosten op deze herziene gesyndiceerde kredietfaciliteit binnen de fi nanciële schulden bedragen 3,2 miljoen EUR op 31 december 2011.
Het resterend bedrag van de transactiekosten op de originele gesyndiceerde kredietfaciliteit en op de private plaatsing opgenomen in de fi nanciële schulden bedraagt respectievelijk 2,4 miljoen EUR en 2,4 miljoen EUR per 31 december 2011. Rekening houdend met het feit dat aan de voorwaarden om deze transactiekosten op te nemen in de fi nanciële schulden nog steeds voldaan wordt, worden de transactiekosten van de originele gesyndiceerde kredietfaciliteit afgeschreven over de verlengde looptijd van de herziene gesyndiceerde kredietfaciliteit (tot april 2016). De transactiekosten op de private plaatsing worden nog steeds afgeschreven over de originele looptijd tot oktober 2015.
Convenanten op de herziene gesyndiceerde kredietfaciliteit verschillen van deze op de originele gesyndiceerde kredietfaciliteit als volgt :
- Originele gesyndiceerde kredietfaciliteit : maximale gearing, minimale interestdekking, maximale schuldgraad, maximaal factoringbedrag en een maximale netto schuld. Aan alle convenanten werd voldaan. - Herziene gesyndiceerde kredietfaciliteit : maximale gearing, minimale interestdekking, maximale schuldgraad en een maximaal factoringbedrag. Aan alle convenanten werd voldaan.
Financiële schulden op ten hoogste één jaar
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Financiële schulden op ten hoogste één jaar | ||
| Schulden op meer dan één jaar, die binnen het jaar vervallen | 12,8 | 30,3 |
| Leasingschulden op minder dan één jaar | 0,3 | 1,1 |
| Handelspapier en kredietinstellingen | 65,8 | 80,7 |
| Transactiekosten verbonden aan fi nanciële schulden | -5,7 | -2,1 |
| Totaal | 73,2 | 110,0 |
De groep heeft toegang tot een Belgisch programma van handelspapier voor een bedrag van 200,0 miljoen EUR waarvan 43,5 miljoen EUR werd gebruikt per eind december 2011 (31 december 2010 : 53,0 miljoen EUR). Dit handelspapier is uitgegeven door Tessenderlo Finance NV, een Belgische dochteronderneming. Het handelspapier uitgegeven door Tessenderlo NL Holding BV, een Nederlandse dochteronderneming, en openstaand voor een bedrag van 8,0 miljoen EUR per 31 december 2010, werd volledig terugbetaald in 2011.
Financiële schulden op meer dan één jaar en op ten hoogste één jaar per munteenheid
Analyse van de fi nanciële schulden op ten hoogste één jaar en op meer dan één jaar per munteenheid, uitgedrukt in EUR (2011) :
| (miljoen EUR) | EUR | BRL | CNY | Overige | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Financiële schulden op ten hoogste één jaar (*) | 56,1 | - | 13,8 | 3,3 | 73,2 |
| Financiële schulden op meer dan één jaar | 156,0 | 23,0 | - | 1,5 | 180,5 |
| Totaal fi nanciële schulden | 212,0 | 23,0 | 13,8 | 4,8 | 253,6 |
| Percentage van totale fi nanciële schulden | 83,60 % | 9,07 % | 5,44 % | 1,89 % | 100,00 % |
(*) Een deel van deze leningen is aangegaan in EUR en nadien omgezet in GBP en USD (zie ook toelichting 28 – Financiële instrumenten). De oorspronkelijke lening blijft in EUR.
In de fi nanciële schulden in EUR is ook het niet afgeschreven gedeelte van de transactiekosten opgenomen voor een bedrag van 8,1 miljoen EUR, waarvan 2,4 miljoen EUR op meer dan één jaar en 5,7 miljoen EUR op ten hoogste één jaar.
Analyse van de fi nanciële schulden op ten hoogste één jaar en op meer dan één jaar per munteenheid, uitgedrukt in EUR (2010) :
| (miljoen EUR) | EUR | BRL | CNY | Overige | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Financiële schulden op ten hoogste één jaar (*) | 104,2 | - | 2,3 | 3,5 | 110,0 |
| Financiële schulden op meer dan één jaar | 182,5 | 11,4 | - | 1,5 | 195,4 |
| Totaal fi nanciële schulden | 286,7 | 11,4 | 2,3 | 5,0 | 305,4 |
| Percentage van totale fi nanciële schulden | 93,88 % | 3,73 % | 0,75 % | 1,64 % | 100,00 % |
(*) Een deel van deze leningen is aangegaan in EUR en nadien omgezet in GBP en USD (zie ook toelichting 28 – Financiële instrumenten). De oorspronkelijke lening blijft in EUR.
In de fi nanciële schulden in EUR was ook het niet afgeschreven gedeelte van de transactiekosten opgenomen voor een bedrag van 6,3 miljoen EUR, waarvan 4,2 miljoen EUR op meer dan één jaar en 2,1 miljoen EUR op ten hoogste één jaar.
Financiële leasing
Termijnen en terugbetalingschema voor fi nanciële leasingcontracten voor 2010 en 2011 :
| 2011 | 2010 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Leasing | schulden Interesten Hoofdsom | Leasing | schulden Interesten Hoofdsom | ||
| Minder dan één jaar | 0,4 | 0,1 | 0,3 | 1,2 | 0,1 | 1,1 |
| Tussen één en vijf jaar | 1,3 | 0,1 | 1,2 | 0,5 | 0,0 | 0,5 |
| Meer dan vijf jaar | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 0,0 |
| Totaal | 1,7 | 0,2 | 1,5 | 1,7 | 0,1 | 1,6 |
25. Personeelsbeloningen
De voorzieningen voor brugpensioen en voor pensioenplannen met een te bereiken doel werden als volgt opgenomen in de balans :
| (miljoen EUR) | Voorziening voor brug pensioenen |
Pensioen plannen met een te bereiken doel |
Totaal |
|---|---|---|---|
| Saldo op 1 januari 2011 | 11,6 | 26,6 | 38,2 |
| Wijziging in de consolidatiekring | -2,3 | -5,8 | -8,1 |
| Toevoeging van voorzieningen | 0,1 | 4,9 | 5,0 |
| Aanwending van voorzieningen | -2,2 | -0,4 | -2,6 |
| Terugname van voorzieningen | - | -2,4 | -2,4 |
| Overige bewegingen | -0,1 | 0,6 | 0,5 |
| Saldo op 31 december 2011 | 7,0 | 23,6 | 30,6 |
Een algemene beschrijving van het type plan
• Personeelsbeloningen
Deze verplichtingen worden geboekt om de vergoedingen na uitdiensttreding te dekken en zij dekken de pensioenplannen en andere voordelen, in overeenstemming met de lokale praktijken en voorwaarden, en gebruik makend van een actuariële berekening die de fi nanciering van de verzekeringsmaatschappijen en andere pensioenplannen in rekening neemt. De belangrijkste pensioenplannen bevinden zich in België, Nederland, de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Duitsland en Italië.
• Vaste bijdrage pensioenplannen
De vaste bijdrage pensioenplannen zijn plannen voor dewelke de onderneming vooraf vastgestelde bijdragen stort in een juridische vennootschap of een afzonderlijk fonds, in overeenstemming met de bepalingen van het plan. De wettelijke of feitelijke verplichting van de groep is beperkt tot de gestorte bijdragen. De bijdragen worden geboekt als een kost in de winst- en verliesrekening op het ogenblik dat ze zich voordoen en worden opgenomen in toelichting 8 – Personeelskosten en hiermee verbonden voordelen.
Alle vaste bijdrage pensioenplannen in België zijn wettelijk verplicht om een minimumrentabiliteit te garanderen. In de mate dat de wettelijke rentabiliteitsgarantie voldoende afgedekt is, heeft de groep geen verdere betalingsverplichting buiten de pensioenbijdragen die in de winst- en verliesrekening worden opgenomen. In dit geval worden de pensioenplannen dan ook verwerkt als "vaste bijdrage" pensioenplannen.
• Pensioenplannen met een te bereiken doel
Deze plannen worden extern gefi nancierd door pensioenfondsen of verzekeringsmaatschappijen. Onafhankelijke actuarissen voeren op regelmatige basis een actuariële waardering uit.
Pensioenplan met een te bereiken doel
De bedragen opgenomen in de balans zijn de volgende :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 |
|---|---|---|---|---|---|
| Netto actuele waarde van de volledig gefi nancierde verplichtingen |
100,4 | 24,7 | 22,6 | 78,9 | 83,7 |
| Netto actuele waarde van de gedeeltelijk gefi nancierde verplichtingen |
61,9 | 160,6 | 150,4 | 71,2 | 75,4 |
| Netto actuele waarde van de volledig niet-gefi nancierde verplichtingen |
18,4 | 19,6 | 20,1 | 18,0 | 18,9 |
| Totale netto actuele waarde van de verplichtingen | 180,7 | 204,9 | 193,1 | 168,1 | 178,0 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 169,5 | 180,6 | 161,3 | 147,3 | 161,7 |
| Tekort | 11,2 | 24,3 | 31,8 | 20,8 | 16,3 |
| Niet-opgenomen actuariële winsten (verliezen) | -15,9 | -18,4 | -25,7 | -10,0 | 3,1 |
| Nettoverplichting (vordering) | -4,7 | 5,9 | 6,1 | 10,8 | 19,4 |
| Ervaringsaanpassingen op de pensioenverplichtingen | 0,9 | 11,0 | -2,3 | -4,6 | 0,3 |
| Ervaringsaanpassingen op de fondsbeleggingen | -5,2 | 10,5 | 3,8 | -23,5 | -4,0 |
| Niet-opgenomen resultaat in % van de verplichtingen | 8,79 % | 8,98 % | 13,31 % | 5,95 % | -1,74 % |
| Niet-opgenomen resultaat in % van de fondsbeleggingen | 9,38 % | 10,19 % | 15,93 % | 6,79 % | -1,92 % |
| Bedragen opgenomen in de balans : | |||||
| Schulden | 23,6 | 26,6 | 26,1 | 25,3 | 29,6 |
| Vorderingen (toelichting 18) | 28,2 | 20,7 | 20,0 | 14,5 | 10,2 |
| Nettoverplichting (vordering) | -4,7 | 5,9 | 6,1 | 10,8 | 19,4 |
De daling van de netto actuele waarde van de verplichtingen kan voornamelijk verklaard worden door de verkoop van de Pvc/Chloor-alkali activiteiten aan Kerling (via Ineos ChlorVinyls) en de overdracht van de pensioenverplichtingen opgenomen in de verkoop.
De bedragen opgenomen in de winst- en verliesrekening zijn de volgende (de cijfers van 2010 zijn herwerkt en geven de pensioenkost uit de voortgezette bedrijfsactiviteiten weer) :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | 5,2 | 4,8 |
| Rentekosten | 8,6 | 8,7 |
| Verwachte opbrengsten van de fondsbeleggingen | -9,5 | -7,6 |
| Afschrijvingen actuariële verliezen/(winsten) | -1,7 | 1,1 |
| Niet-opgenomen pensioenkosten (opbrengsten) van de verstreken diensttijd | - | -0,5 |
| Kosten (opbrengsten) van inperking | -1,3 | -0,1 |
| Totaal, opgenomen in "personeelskosten en hiermee verbonden voordelen" (toelichting 8) |
1,3 | 6,4 |
De afschrijving van actuariële verliezen/(winsten) heeft voornamelijk betrekking op de afschrijving van niet-opgenomen actuariële winsten op pensioenplannen in Franse dochterondernemingen, welke tot een daling van de schulden van 2,3 miljoen EUR heeft geleid. Deze afschrijving werd opgenomen als een nietrecurrente opbrengst (toelichting 7 – Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)). De opbrengsten van inperking, ook opgenomen in de niet-recurrente opbrengsten, hebben voornamelijk betrekking op de gerealiseerde opbrengst (0,9 miljoen EUR) op het pensioenplan met een te bereiken doel in Groot-Brittannië als gevolg van de verkoop van de dochteronderneming Tessenderlo Fine Chemicals Ltd, in het bedrijfssegment Organische chloorderivaten (toelichting 7 – Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)).
De netto periodieke pensioenkost is vervat in de volgende rubrieken van de winst- en verliesrekening (de cijfers van 2010 zijn herwerkt en geven de netto periodieke pensioenkost uit de voortgezette bedrijfsactiviteiten weer) :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Kostprijs verkopen | 4,1 | 4,1 |
| Distributiekosten | -0,3 | 0,1 |
| Verkoop- en marketingkosten | 0,7 | 1,6 |
| Administratieve kosten | 0,4 | 0,6 |
| Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten) | - | 0,1 |
| Niet-recurrente bestanddelen, netto | -3,6 | -0,1 |
| Totaal | 1,3 | 6,4 |
De wijzigingen in de actuele waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de te bereiken doel pensioenplannen zijn de volgende (de cijfers van 2010 geven de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten weer) :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Beginsaldo van de actuele waarde van de brutoverplichting | 204,9 | 193,1 |
| Wijziging in de consolidatiekring | -21,3 | - |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | 6,3 | 7,3 |
| Pensioenkosten (opbrengsten) van de verstreken diensttijd | - | -0,5 |
| Rentekosten | 8,6 | 10,1 |
| Actuariële verliezen (winsten) | -7,0 | 5,2 |
| Omrekeningsverschillen op buitenlandse plannen | 1,0 | 0,8 |
| Afwikkelingen en inperkingen | -1,3 | -0,2 |
| Betaalde vergoedingen | -10,5 | -10,9 |
| Eindsaldo van de actuele waarde van de brutoverplichting | 180,7 | 204,9 |
In 2011 werd de "aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten" voor 1,1 miljoen EUR gefi nancierd door werknemersbijdragen (2010 : 1,3 miljoen EUR).
De wijzigingen in de reële waarde van de fondsbeleggingen zijn de volgende (de cijfers van 2010 geven de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten weer) :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Beginsaldo van de reële waarde van fondsbeleggingen | 180,6 | 161,3 |
| Wijziging in de consolidatiekring | -16,4 | - |
| Verwacht rendement op de fondsbeleggingen | 9,5 | 9,0 |
| Actuariële winsten (verliezen) | -5,7 | 11,3 |
| Bijdragen van de deelnemers aan de plannen | 1,1 | 1,3 |
| Bijdragen van de werkgever | 9,8 | 7,6 |
| Omrekeningsverschillen op buitenlandse plannen | 1,1 | 1,0 |
| Betaalde vergoedingen | -10,5 | -10,9 |
| Eindsaldo van de reële waarde van fondsbeleggingen | 169,5 | 180,6 |
Het verwachte rendement van de individuele categorieën van fondsbeleggingen is bepaald door gebruik te maken van relevante indexen als referentie. Het globaal verwachte opbrengstpercentage werd berekend door het wegen van de individuele percentages in overeenstemming met hun verwacht belang in de totale investeringsportefeuille.
De effectieve opbrengsten van de fondsbeleggingen van de voortgezette bedrijfsactiviteiten in 2011 en 2010 bedragen respectievelijk 3,8 miljoen EUR en 19,2 miljoen EUR.
De groep verwacht in 2012 een bijdrage van 5,3 miljoen EUR te leveren voor de pensioenplannen met een te bereiken doel.
De belangrijkste categorieën van fondsbeleggingen uitgedrukt als percentage van de totale fondsbeleggingen zijn de volgende :
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Aandelen | 23 % | 25 % |
| Investeringen in vastrentende producten | 14 % | 17 % |
| Geldmiddelen en deposito's | 4 % | 3 % |
| Vastgoed | 2 % | 2 % |
| Verzekeringscontracten | 57 % | 53 % |
| Totaal | 100 % | 100 % |
De belangrijkste actuariële veronderstellingen op balansdatum (uitgedrukt als gewogen gemiddelden) zijn de volgende :
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet per 31 december | 5,0 % | 4,8 % |
| Verwachte rendement op fondsbeleggingen per 31 december | 5,8 % | 5,6 % |
| Verwachte procentuele salarisstijging | 2,5 % | 2,5 % |
• Ontslagvergoedingen (pre-pensioenplannen, andere verplichtingen bij ontslag)
Deze voordelen ontstaan als een gevolg van de beslissing van de onderneming om de tewerkstelling van een werknemer of van een groep werknemers te beëindigen vóór de normale pensioendatum of van de beslissing van een werknemer om vrijwillig de tewerkstelling stop te zetten in ruil voor deze vergoedingen. Deze vergoedingen worden verwerkt op het moment van de betekening.
Op aandelen gebaseerde betalingen
Een warrantplan werd gecreëerd om de loyaliteit en motivatie van het senior management van de groep te verhogen. Het plan geeft het senior management de mogelijkheid om warranten te aanvaarden die hen het recht geven om aandelen te onderschrijven. De raad van bestuur bepaalt jaarlijks de lijst met de begunstigden. Er bestaan geen voorwaarden met betrekking tot het aantal dienstjaren, echter de begunstigden mogen niet ontslagen zijn of hun ontslag hebben ingediend en hun hiermee gerelateerde opzeggingstermijn uitdienen (met uitzondering voor de personen die met pensioen of met brugpensioen gaan). Het benoemings- en vergoedingscomité kent de warranten toe aan de begunstigden op basis van de door hen geleverde prestaties.
De uitoefenprijs van de warrant is gelijk aan de gemiddelde marktprijs van de onderliggende aandelen in de dertig werkdagen voorafgaand aan de dag van het aanbod of de marktprijs op de laatste dag voorafgaand aan het aanbod, indien deze waarde lager is. Voor Amerikaanse ingezetenen is de uitoefenprijs gelijk aan de prijs van de normale aandelen van Tessenderlo Chemie NV bij afsluiting van de beurs op de dag zelf van het aanbod.
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de uitgegeven warranten per 31 december 2011 :
| Toewijzingsdatum | Laatste uitoefendatum |
Gemiddelde uitoefenprijs |
Aantal uitstaande onderschrij vingsrechten |
|---|---|---|---|
| november '02 | juli '12 | 25,87 | 9 800 |
| november '03 | juli '15 | 26,45 | 9 800 |
| november '04 | juli '16 | 31,69 | 31 400 |
| november '05 | juli '17 | 27,11 | 31 400 |
| november '06 | juli '18 | 30,02 | 59 040 |
| januari '08 | december '17 | 43,10 | 92 425 |
| februari '09 | december '13 | 22,85 | 130 750 |
| januari '10 | december '14 | 22,43 | 192 542 |
| december '10 | december '15 | 24,09 | 279 499 |
| december '11 | december '16 | 21,78 | 337 733 |
| Totaal | 1 174 389 |
Overeenkomstig de "Economische Herstelwet" van 27 maart 2009, zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 7 april 2009, werd de levensduur van de warranten van de periode 2003-2008 met 5 jaar verlengd in 2009.
IFRS 2 Op aandelen gebaseerde betalingen vereist dat de verloning in aandelen toegekend aan personeel verwerkt wordt in de jaarrekening gebaseerd op de reële waarde van de warranten op toekenningsdatum. In overeenstemming met de overgangsbepalingen opgenomen in IFRS 2, worden de warranten die toegekend werden vóór 7 november 2002 en die nog niet uitoefenbaar waren op 1 januari 2005 niet verwerkt via de winsten verliesrekening.
Op 26 oktober 2011, heeft de raad van bestuur besloten om een nieuwe uitgifte van warranten aan te bieden, die door de begunstigden moest aanvaard worden op 25 december 2011 ten laatste. Op 25 december 2011, werden 337 733 warranten toegekend aan het senior management met een gemiddelde uitoefenprijs van 21,78 EUR. De kost van deze warranten werd opgenomen in 2011.
De reële waarde van de toegekende warranten, wordt bepaald door gebruik te maken van het Black & Scholes model.
De totale kost van warranten opgenomen in het resultaat van de groep in 2011 bedraagt 1,2 miljoen EUR (2010 : 2,7 miljoen EUR).
De gewogen gemiddelde reële waarde van de warranten en de veronderstellingen gebruikt bij de waardering van de warranten, zijn de volgende :
| 2011 | 2010 | ||
|---|---|---|---|
| Vierde schijf | Derde schijf | ||
| Reële waarde (EUR) | 3,6 | 6,6 | 4,4 |
| Aandelenprijs (EUR) | 20,55 | 27,19 | 23,03 |
| Uitoefenprijs (EUR) | 21,78 | 24,09 | 22,43 |
| Verwachte volatiliteit | 37,04 % | 34,85 % | 35,04 % |
| Verwachte levensduur (jaren) | 4,5 | 4,5 | 4,5 |
| Verwacht dividendrendement | 6,49 % | 4,90 % | 5,78 % |
| Risicovrije interest | 3,38 % | 3,23 % | 2,64 % |
De volatiliteit is gebaseerd op de vijfjarig wekelijks gemiddelde volatiliteit van de aandelen van Tessenderlo Chemie NV.
Het aantal en de gewogen gemiddelde uitoefenprijs van de aandelenwarranten is als volgt :
| 2011 | 2010 | |||
|---|---|---|---|---|
| Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
Aantal warranten |
Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
Aantal warranten |
|
| Uitstaande warranten per begin boekjaar | 26,59 | 851 726 | 30,54 | 381 605 |
| Vervallen gedurende het boekjaar | 38,17 | 7 870 | 30,02 | 1 920 |
| Uitgeoefend gedurende het boekjaar | 26,70 | 7 200 | - | - |
| Toegekend gedurende het boekjaar | 21,78 | 337 733 | 23,41 | 472 041 |
| Openstaand op het einde van het boekjaar | 25,13 | 1 174 389 | 26,59 | 851 726 |
| Uitoefenbaar op het einde van het boekjaar | 34,70 | 233 865 | 29,12 | 151 760 |
Er werden 7 200 warranten uitgeoefend, waarvan 4 800 door voormalige leden van het GMC en 2 400 warranten door het senior management (toelichting 22 – Eigen vermogen). 7 870 warranten zijn vervallen in 2011.
Per jaareinde 2011 waren 233 865 warranten uitoefenbaar aan een gemiddelde uitoefenprijs van 34,70 EUR (met een werkelijke uitoefenprijs tussen 25,87 EUR en 43,10 EUR). Per jaareinde 2010 waren 151 760 warranten uitoefenbaar aan een gemiddelde uitoefenprijs van 29,12 EUR (met een werkelijke uitoefenprijs tussen 25,87 EUR en 31,69 EUR).
De gewogen gemiddelde resterende contractuele levensduur van de warranten per 31 december 2011 is 4,2 jaar (2010 : 4,9 jaar).
26. Voorzieningen
| 2011 | 2010 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Op ten hoogste één jaar |
Op meer dan één jaar |
Totaal | Op ten hoogste één jaar |
Op meer dan één jaar |
Totaal | |
| Milieu | 2,7 | 28,9 | 31,6 | 2,9 | 33,0 | 35,9 | |
| Ontmanteling | - | 17,3 | 17,3 | - | 22,4 | 22,4 | |
| Herstructurering | 3,2 | 2,2 | 5,4 | 8,5 | 0,8 | 9,3 | |
| Overige | 2,5 | 7,7 | 10,2 | 0,5 | 9,7 | 10,2 | |
| Totaal | 8,4 | 56,1 | 64,5 | 11,9 | 65,9 | 77,8 |
| Her | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Milieu | Ontmanteling | structurering | Overige | Totaal | |
| Saldo op 1 januari 2011 | 35,9 | 22,4 | 9,3 | 10,2 | 77,8 |
| Wijziging in de consolidatiekring | -4,2 | -5,0 | - | -0,9 | -10,1 |
| Toevoeging van voorzieningen | 0,7 | 0,3 | 3,3 | 4,4 | 8,7 |
| Aanwending van voorzieningen | -1,4 | -0,5 | -6,8 | -2,8 | -11,5 |
| Terugname van voorzieningen | - | - | -0,5 | -0,3 | -0,8 |
| Effect van verdiscontering | 0,3 | 0,1 | - | - | 0,4 |
| Overige bewegingen | 0,3 | - | 0,1 | -0,4 | 0,0 |
| Saldo op 31 december 2011 | 31,6 | 17,3 | 5,4 | 10,2 | 64,5 |
De milieuvoorzieningen hebben voornamelijk betrekking op de bestaande verplichting van Tessenderlo Chemie NV om verontreinigde terreinen te saneren. De groep engageerde zich om haar productieproces aan te passen en oude slibbekkens in Limburg (België) te saneren. De overblijvende voorziening bedroeg 29,5 miljoen EUR per 31 december 2011.
De verkoop van de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten) resulteerde in een afname van de milieuvoorzieningen met 4,2 miljoen EUR. De kasuitgaven van de milieuvoorzieningen worden verwacht in de periode 2012-2040. De geboekte bedragen refl ecteren de beste raming van het management met betrekking tot de verwachte uitgaven om aan de verplichting op balansdatum te kunnen voldoen.
Een aantal vestigingen in Frankrijk, die door de groep worden uitgebaat, worden onderworpen aan de wetgeving met betrekking tot de voor de bescherming van het leefmilieu geklasseerde installaties (ICPE). Deze wetgeving verplicht tot ontmanteling van geklasseerde installaties. Op basis van een interne evaluatie, die voor het eerst in 2009 werd uitgevoerd, werd een voorziening aangelegd in dat jaar. Deze voorziening had geen signifi cante impact op de winst- en verliesrekening van de groep aangezien deze voorziening opgenomen werd in de kost van de betreffende materiële vaste activa, welke overeenkomstig wordt afgeschreven. De totale provisie bedraagt 16,1 miljoen EUR per 31 december 2011.
De geboekte bedragen werden bepaald op basis van een interne evaluatie en aan de hand van de aanschaffi ngswaarde van de gerelateerde activa. Deze bedragen refl ecteren de beste raming van het management met betrekking tot de verwachte uitgaven. De verwachte timing van de kasuitgaven is nog niet gekend. Er worden echter geen kasuitgaven verwacht in de nabije toekomst.
De verkoop van de Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten) resulteerde in een afname van de ontmantelingsvoorziening met 5,0 miljoen EUR die voornamelijk gerelateerd was aan de ontmanteling van een kwikelektrolyse-eenheid.
In september 2011 deelde de dochteronderneming Aliphos Italia, de betrokken sociale partners haar intentie mee om de productie in haar Italiaanse fabriek (Cologna Veneta) begin 2012 stop te zetten. De groep wil met die beslissing zijn productiecapaciteit aanpassen aan een afnemende Europese markt voor voederfosfaten en zo zijn vastekostenbasis verbeteren. Een herstructureringsvoorziening van 0,8 miljoen EUR werd aangelegd om de kosten verbonden met deze sluiting te dekken, en omvat voornamelijk ontslagvergoedingen (toelichting 7 – Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)). De kosten werden geraamd op basis van de voorwaarden van de desbetreffende contracten. De geraamde kasuitgaven worden verwacht in het eerstkomende jaar.
Naar aanleiding van een reorganisatie van de Britse profi elactiviteiten om de operationele processen effi ciënter te maken, werd een voorziening van 1,6 miljoen EUR aangelegd, voornamelijk om ontslagvergoedingen en verlieslatende lease overeenkomsten te dekken. De geraamde kasuitgaven worden verwacht in de periode 2012-2016 .
De resterende toevoegingen aan de herstructureringsvoorzieningen zijn voornamelijk het gevolg van aanpassingen van de geraamde kosten voor een lopend herstructureringsprogramma van een Frans fi liaal actief in het bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen".
Het gebruik van de herstructureringsvoorzieningen heeft voornamelijk betrekking op de sluiting van drie sites in Frankrijk, zoals aangekondigd in 2009 en 2010, alsook de reorganisatie van de activiteiten van een site in Frankrijk aangekondigd in 2010 (binnen de bedrijfssegmenten "Kunststof leidingsystemen en Profi elen", "Compounds" en "Farmaceutische tussenproducten") waarvoor kasuitgaven plaatsvonden in 2011 voor een bedrag van 6,8 miljoen EUR. De implementatie van deze herstructureringsprogramma's is bijna ten einde en het overblijvende gedeelte wordt verwacht afgehandeld te worden in de periode 2012-2013 (het overblijvende saldo van de herstructureringsvoorziening bedraagt 3,0 miljoen EUR).
De geboekte herstructureringsvoorzieningen refl ecteren de beste raming van het management met betrekking tot de verwachte uitgaven om aan de huidige verplichtingen op balansdatum te voldoen.
De toevoegingen aan de "overige" voorzieningen hebben voornamelijk betrekking op de geraamde toekomstige kosten van verlieslatende lease overeenkomsten (1,2 miljoen EUR) die werden opgenomen in de niet-recurrente bestanddelen van het bedrijfssegment "Kunststof leidingsystemen en Profi elen" (toelichting 7 – Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)). De geraamde kasuitgaven worden verwacht in de periode 2012-2014. De resterende saldi van de "overige" voorzieningen hebben hoofdzakelijk betrekking op diverse, individueel beschouwd, niet-signifi cante bedragen. De geboekte bedragen refl ecteren de beste raming van het management met betrekking tot de verwachte uitgaven om aan de huidige verplichting op balansdatum te kunnen voldoen. De verwachte timing van de kasuitgaven van de resterende saldi is nog niet gekend.
Er werd geen actief geboekt, aangezien alle verwachte terugbetalingen, in voorkomend geval, als immaterieel worden beschouwd (bijvoorbeeld als gevolg van de uitvoering van milieu- en ontmantelingsplannen).
27. Handels- en overige schulden
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Handels- en overige schulden op meer dan één jaar | ||
| Handelsschulden | 0,2 | - |
| Overige schulden | 2,3 | 30,2 |
| Totaal | 2,4 | 30,2 |
| Handels- en overige schulden op ten hoogste één jaar | ||
| Handelsschulden | 250,0 | 320,1 |
| Overige schulden | 67,0 | 81,9 |
| Bezoldigingen en sociale zekerheid | 62,4 | 67,6 |
| Totaal | 379,3 | 469,6 |
De daling van de overige schulden op meer dan één jaar en op ten hoogste één jaar kan voornamelijk verklaard worden door de betaling van een deel van de EU boete in 2011 voor een bedrag van 29,0 miljoen EUR. Het openstaand saldo van de EU boete, met inbegrip van de interestkosten opgebouwd aan een interestvoet van 2,5 %, moet betaald worden in oktober 2012 en is opgenomen in de overige schulden op ten hoogste één jaar voor een bedrag van 28,4 miljoen EUR per 31 december 2011.
De handels- en overige schulden van de verkochte Pvc/Chloor-alkali en een deel van de Organische chloorderivaten activiteiten (toelichting 5 – Beëindigde bedrijfsactiviteiten), evenals van de verkochte dochterondernemingen Chelsea Building Products Inc. en Dynaplast-Extruco Inc. (toelichting 4 – Acquisities en verkopen) bedroegen 99,8 miljoen EUR in 2010, waarvan handelsschulden op ten hoogste één jaar (94,1 miljoen EUR), bezoldigingen en sociale zekerheidschulden op ten hoogste één jaar (4,8 miljoen EUR) en overige schulden op ten hoogste één jaar (0,9 miljoen EUR).
28. Financiële instrumenten
De blootstelling aan risico's verbonden aan vreemde valuta, kredieten en interestvoeten zijn een gevolg van het normale verloop van de activiteiten van de groep. Afgeleide fi nanciële instrumenten worden gebruikt om het risico voor de groep, verbonden aan wisselkoersschommelingen, te verminderen en om variabele interestvoeten te converteren naar een vaste interestvoet. Afgeleide fi nanciële instrumenten die door de groep worden gebruikt, omvatten valuta termijncontracten, cross currency interestswaps, interestswaps, valutaswaps en valuta opties.
Risicobeheersingskader
Risico's zijn een belangrijk en onvermijdelijk aspect van de bedrijfsvoering. Om de risico's te beheersen heeft de groep de voorbije jaren al een aantal procedures uitgewerkt en toegepast.
- Om de impact van kredietrisico's te verminderen, heeft de groep een kredietbeleid opgesteld met betrekking tot aanvragen voor kredietlimieten, goedkeuringsprocedures en voortdurende opvolging van het kredietrisico. Verder wordt de inning voor een deel van de nog uitstaande vorderingen uitbesteed (factoring).
- De groep stelt op regelmatige basis korte en langetermijnvooruitzichten op om de fi nanciële middelen te laten overeenstemmen met de vooraf bepaalde noden. Bovendien heeft de groep een aantal kredietlijnen.
- De groep anticipeert op schommelingen in energieprijzen via een gecentraliseerd aankoopbeleid.
- De groep dekt zich in tegen risico's op het vlak van transacties in vreemde munt. Dochterondernemingen zijn verplicht om voor gefactureerde bedragen (klanten, leveranciers) hun nettopositie in vreemde munt mee te delen aan Tessenderlo Finance NV, een dochteronderneming die specifi ek voor dit doel is opgericht. Alle posities worden samengevoegd op het niveau van Tessenderlo Finance NV. De nettosaldi, die erg klein zijn, worden dan aangekocht of verkocht op de markt. Dit gebeurt vooral door de contante aankoop en verkoop van vreemde valuta, gevolgd door valutaswaps.
- Zowel operationele risico's als gezondheids- en veiligheidsrisico's worden tot een minimum beperkt door middel van een systeem dat het productieprocesrisico beheert en risico's in verband met veiligheid, milieu, productie en kwaliteit evalueert. De nodige maatregelen worden getroffen met betrekking tot risicocontrole. Onder meer: preventief onderhoud, voorraad van cruciale onderdelen en operationele procedures. Dankzij de voortdurende focus op risico's is Tessenderlo Group er in 2011 in geslaagd om het aantal ongevallen op groepsniveau met 20 % te verminderen. De afdeling Risk Management voert veiligheidscontroles uit in verscheidene productieafdelingen. Het risicoaspect wordt beschouwd als een prioriteit bij elke nieuwbouw of bij elke aanpassing aan bestaande faciliteiten. Dat betekent dat de beperking en/ of vermindering van bestaande risico's een essentieel onderdeel vormt van elk project. Verscheidene dochterondernemingen worden jaarlijks gecontroleerd door een externe verzekeringsmaatschappij in samenwerking met de afdeling Risk Management. Tijdens deze bezoeken worden preventieve maatregelen aanbevolen, die Risk Management implementeert. Ook de kleinere dochterondernemingen van de groep ontsnappen niet aan dit proces. De afdeling Risk Management bezoekt hen op regelmatige basis om het risicobewustzijn op peil te houden. Verder bestaat er ook een verzekeringsdekking voor operationele risico's, materiële schade (inclusief alle aspecten met betrekking tot de onderbreking van de activiteiten in alle dochterondernemingen) en operationele en andere aansprakelijkheid.
- Een uitgebreid strategisch planningproces wordt toegepast om een betere controle van de strategische risico's van de groep mogelijk te maken. Dat gebeurt via een grondige doorlichting van de strategie, de ontwikkeling en de inhoud van elk bedrijfssegment en de manier waarop ze aansluiten op de strategie van de groep.
- De naleving van wetten en reglementen en in het bijzonder van de antitrustwetgeving wordt gegarandeerd door een antitrust-complianceprogramma. De antitrust-complianceoffi cer geeft de noodzakelijke opleiding en houdt toezicht op de uitvoering van het programma.
- In 2010 werd het Enterprise Risk Management-systeem (ERM) voor de hele groep gelanceerd. In 2011 volgde een gedetailleerd onderzoek van het project. Hiervoor werd een Enterprise Risk Managementbeleid opgesteld dat geldt voor de hele groep en alle fi lialen wereldwijd. Het beleid beschrijft de organisatie, de doelstellingen en de verantwoordelijkheden van het ERM System. Tessenderlo Group heeft bij haar risicobeheer gekozen voor een dubbele aanpak: (i) aan de ene kant worden de risico's en
de risicobeperkende maatregelen periodiek en nauwkeurig in kaart gebracht om zo een volledig beeld te krijgen van de risico's van een bedrijfssegment op één bepaald moment in de tijd; (ii) aan de andere kant gebeurt er een permanente identifi catie van nieuwe en verhoogde risico's door in de besluitvorming van de verschillende businessprocessen een risicohoofdstuk op te nemen. De risico's die geïdentifi ceerd werden tijdens deze processen, worden dan geïntegreerd in de risicolijsten van dat segment. Om te garanderen dat risicobeheer een onlosmakelijk onderdeel wordt van de dagelijkse activiteiten, werd zowel op groepsniveau als op niveau van de businessgroepen en -units een risicobeheerstructuur ingevoerd. Hoe hoger in de organisatie van het risicobeheer, hoe groter het totaalbeeld van het risico en hoe sterker de nadruk ligt op de effectiviteit van de risicobeheersystemen. Hoe lager in de organisatie, hoe meer het risicobeheer zich toespitst op individuele risico's met acties die bedoeld zijn om één specifi ek risico te verkleinen. De risicobeheerstructuur is opgebouwd rond drie rollen: (i) de 'risk owners' (manager – management businessunit / businessgroep –Group Management Committee (met het risicocomité) – raad van bestuur); (ii) multidisciplinaire groepen met experts die de risico's beoordelen en de 'risk owners' advies geven over het beheren van risico's (risicoraden op het niveau van de bedrijfsunits, de businessgroep en de groep, en het auditcomité); (iii) risicocoördinatoren die ERM-activiteiten organiseren en procesondersteuning bieden aan 'risk owners' en risico-experts (risicocoördinatoren op het niveau van de businessunit/businessgroep en de groep). In 2010 werden de bestaande risico's geïdentifi ceerd in de verschillende businessunits en ondersteunende afdelingen. In 2011 werden verscheidene projecten gestart met het oog op een betere beoordeling van deze risico's en de implementatie van de risico-optimalisering. Over de stand van zaken van deze projecten wordt op regelmatige basis verslag uitgebracht aan het Group Management Committee en het auditcomité.
- De lancering van de 'Group Crisis Management Policy' in 2011 bracht de harmonisering van het crisismanagement in alle bedrijfssegmenten op gang. Risk Management is verantwoordelijk voor de coördinatie van dit beleid op groepsniveau, de begeleiding van de verschillende entiteiten bij het opstellen van een geharmoniseerd crisisplan en de verduidelijking van de verantwoordelijkheden en rapporteringskanalen.
- Een nauwere samenwerking tussen Risk Management, Interne Controle en Interne Audit betekent dat deze afdelingen hun controles en audits veel beter kunnen afstemmen op bestaande risico's.
Wisselkoersrisico
Het wisselkoersrisico is het risico dat de waarde van een fi nancieel instrument zal wijzigen als gevolg van wisselkoersschommelingen. De groep is blootgesteld aan een wisselkoersrisico op de verkopen, de aankopen, beleggingen en leningen uitgedrukt in een andere munt dan de functionele munt van de onderneming. De munten die aanleiding geven tot dit risico zijn voornamelijk USD, GBP, PLN, HUF, CNY, ARS en BRL.
Dochterondernemingen zijn verplicht om hun netto positie in vreemde munt, indien het gaat om gefactureerde bedragen (klanten, leveranciers), te communiceren aan Tessenderlo Finance NV, een Belgische dochteronderneming. Alle posities worden samengevoegd op het niveau van Tessenderlo Finance NV en de netto saldi (long/short), worden dan gekocht of verkocht op de markt.
De belangrijkste beheersinstrumenten die gebruikt worden zijn de contante aankoop en verkoop van munten gevolgd door valuta swaps.
Groepsleningen worden in het algemeen aangegaan door de fi nancieringsbedrijven en de holdings van de groep, welke de fondsen van deze leningen ter beschikking stellen van de operationele dochterondernemingen.
In principe worden de operationele entiteiten gefi nancierd in hun lokale munt, waarbij deze munteenheid bekomen wordt, indien van toepassing, via valuta swaps tegenover de munt aangehouden door de fi nancieringsbedrijven Tessenderlo Finance NV en Tessenderlo Holding BV en door Tessenderlo Chemie NV. Op deze manier is er noch in het fi nancieringsbedrijf, noch in de onderneming die fi naal gebruik maakt van de fondsen een wisselkoersrisico. De kost van deze valutaswaps wordt opgenomen in de fi nancieringskosten.
In groeilanden is het niet altijd mogelijk om leningen aan te gaan in de lokale munt aangezien de lokale fi nanciële markten te klein zijn of omdat er geen fondsen beschikbaar zijn of omdat de fi nanciële voorwaarden te belastend zijn. Deze bedragen zijn relatief klein voor de groep.
• Blootstelling aan valutarisico
Het valutarisico van de groep kan, op basis van de nominale bedragen, als volgt voorgesteld worden (voor de gebruikte wisselkoersen, zie toelichting 1 – Samenvatting van de voornaamste boekhoudprincipes) :
| 2011 | 2010 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | EUR | USD | GBP | EUR | USD | GBP |
| Activa | 11,4 | 295,3 | 56,2 | 15,4 | 167,9 | 64,3 |
| Schulden | -16,1 | -52,6 | -11,2 | -18,8 | -29,7 | -3,2 |
| Bruto blootstelling | -4,7 | 242,7 | 45,0 | -3,4 | 138,2 | 61,1 |
| Valuta termijncontracten | -0,8 | -248,8 | -42,8 | 7,0 | -133,3 | -62,0 |
| Netto blootstelling | -5,5 | -6,1 | 2,2 | 3,6 | 4,9 | -0,9 |
| Netto blootstelling (in EUR) | -5,5 | -4,7 | 2,6 | 3,6 | 3,7 | -1,0 |
De overblijvende netto blootstelling is te wijten aan een verschil tussen de boekings- en valutadatum van de operaties. De dekking van de blootstelling wordt op een continue basis uitgevoerd.
Indien de euro met 10 % zou zijn versterkt of verzwakt ten opzichte van de volgende munten en indien we alle andere variabelen constant zouden gehouden hebben, dan zou de impact op het eigen vermogen en de winst na belastingen voor de periode de volgende zijn :
| (miljoen EUR) | Wijziging in de wisselkoers |
Invloed op de winst en verliesrekening : verlies (-) / winst (+) |
Invloed op het eigen vermogen : verlies (-) / winst (+) |
|---|---|---|---|
| Op 31 december 2011 | |||
| USD | +10 % | -3,1 | -1,8 |
| -10 % | 3,8 | 2,2 | |
| GBP | +10 % | -0,2 | -5,2 |
| -10 % | 0,2 | 6,4 | |
| Op 31 december 2010 | |||
| USD | +10 % | -2,7 | -12,0 |
| -10 % | 3,4 | 14,7 | |
| GBP | +10 % | 0,0 | -4,7 |
| -10 % | 0,0 | 5,8 |
Kredietrisico
De groep is in belangrijke mate risico afkerig. Aangezien de creatie van aandeelhouderswaarde tot de strategie van de groep behoort, beheert de groep zijn portefeuille van klanten op een dynamische manier opdat de groep in vol vertrouwen nieuwe markten zou kunnen ontwikkelen. De blootstelling aan risico, de kwaliteit van de activa en de diversifi catie van de portefeuille worden samen met de maximalisatie van marktaandeel overwogen, wat effi ciënte processen vereist, een kosteneffi ciënte bescherming in geval van niet-betaling en goede praktijken bij het beheer van klantenrelaties.
De internationale fi nanciële en economische crisis resulteerde in een diepe vertrouwenscrisis. De groep blijft zich in het bijzonder concentreren op de vertrouwensrelaties met lange termijn partners. Voor grote risicoposities zonder garanties wordt een intern kredietcomité georganiseerd op vraag van groep corporate fi nance. Dit comité, dat bijgewoond wordt door een senior risico analist, de directeur en controller van de bedrijfseenheid, beoordeelt het risico en beslist over het aanvaardbaar niveau van de risicopositie. Bijzondere en legitieme aandacht wordt gegeven aan nieuwe relaties, waarvoor, indien noodzakelijk, beveiligde betalingsmethoden worden gebruikt.
Een kredietprocedure op groepsniveau, een snel en consistent kredietbeslissingsproces, aangepaste betalingstermijnen, een effi ciënt inninginstrument en accuraat risicomatigingsinstrument worden gebruikt om de cashfl ow te versnellen, het risico van oninbare vorderingen te verminderen en de opbrengsten te doen toenemen.
Een intern scoremodel heeft de bedoeling om, met behulp van sectorgerelateerde benchmarks, de portefeuille te defi niëren in termen van risico door het analyseren van de performantie-indicatoren en de fi nanciële structuur. Een "excess of loss" kredietverzekering wordt aangewend om het risico te beperken. Wanneer een risico niet ingeschat kan worden of wanneer dit risico te hoog is, neemt de groep zijn toevlucht tot een kredietverzekering of andere vormen van waarborgen.
Op 31 december 2011 bestaan er geen belangrijke concentraties van kredietrisico. De beschikbare geldmiddelen op jaareinde worden geplaatst op deposito's bij internationaal gerenommeerde banken op heel korte termijn.
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Handelsvorderingen | 235,4 | 254,9 |
| Bruto handelsvorderingen | 246,8 | 269,4 |
| Waardeverminderingen | -11,5 | -14,5 |
| Overige vorderingen | 56,0 | 44,9 |
| Vorderingen op verbonden partijen | 0,8 | 1,9 |
| Vorderingen gerelateerd aan pensioenplannen | 28,2 | 20,7 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 0,0 | 0,7 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 34,9 | 150,5 |
| Totaal | 355,3 | 473,6 |
De maximale blootstelling aan kredietrisico op 31 december bedroeg :
De maximale blootstelling aan kredietrisico op 31 december voor handelsvorderingen per bedrijfssegment bedroeg (zie ook toelichting 18 – Handels- en overige vorderingen) :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Minerale Chemie | 37,0 | 34,4 |
| Gelatine en Akiolis | 82,1 | 72,1 |
| Kunststof leidingsystemen en Profi elen | 48,5 | 54,3 |
| Tessenderlo Kerley | 31,3 | 27,1 |
| Andere activiteiten | 34,4 | 27,4 |
| Niet toegewezen | 2,1 | 1,3 |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten Pvc/Chloor-alkali | - | 38,3 |
| Totaal | 235,4 | 254,9 |
De blootstelling aan kredietrisico voor de handelsvorderingen van de voortgezette Chloor-alkali activiteiten (Waterbehandeling en Zwavelderivaten) voor 2010 en 2011 is opgenomen in "Andere activiteiten".
De ouderdomsbalans van de handelsvorderingen op 31 december kan als volgt samengevat worden :
| 2011 | 2010 | |||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Brutobedrag | Waarde verminderingen |
Brutobedrag | Waarde verminderingen |
| Niet vervallen | 156,8 | -1,0 | 176,2 | -0,3 |
| Vervallen 0-30 dagen | 56,3 | -1,0 | 52,2 | -0,8 |
| Vervallen 31-120 dagen | 13,8 | -1,6 | 16,8 | -1,2 |
| Vervallen 120-365 dagen | 4,2 | -1,4 | 4,5 | -1,0 |
| Vervallen meer dan één jaar | 15,7 | -6,5 | 19,7 | -11,2 |
| Totaal | 246,8 | -11,5 | 269,4 | -14,5 |
Op basis van historisch betalingsgedrag en uitgebreide analyse van de onderliggende kredietwaardigheid van de klanten, is de groep van mening dat de vervallen bedragen die geen bijzondere waardevermindering hebben ondergaan, nog altijd inbaar zijn.
Op basis van de controle van het kredietrisico van klanten is de groep van oordeel dat, met uitzondering van de bedragen vermeld in de bovenstaande tabel, geen bijzondere waardevermindering nodig is voor handelsvorderingen die niet vervallen zijn.
De achterstallige handelsvorderingen bedragen 90,0 miljoen EUR (2010: 93,2 miljoen EUR). De achterstallige handelsvorderingen op meer dan één jaar bevinden zich voornamelijk in het bedrijfssegment "Gelatine en Akiolis" (10,3 miljoen EUR waarop 1,1 miljoen EUR waardevermindering werd geboekt).
Sinds 2009 is de groep Akiolis niet langer actief als vilbeluik in opdracht van de overheid. Sinds juli 2009 is deze werking geprivatiseerd, nadat een akkoord was bereikt met zeven nationale kwekersfederaties en dit voor een periode van twee jaar. Dit had weinig impact op de groep Akiolis, maar het zorgde wel voor een aanzienlijke stijging van de achterstallige betalingen bij de klanten in 2009 vermits er geen akkoord bereikt was met de overheid betreffende de betaling van facturen voor de periode december 2008 tot juli 2009 (achterstallig bedrag van 7,6 miljoen EUR). Deze facturen waren meer dan één jaar vervallen in de loop van 2010. Het geschil was het gevolg van een verschillende visie tussen de veehouders en de overheid met betrekking tot de uitvoering van de beslissing van de Franse overheid betreffende de gedeeltelijke deelneming van de kwekers in de fi nanciering van de openbare vilbeluikbedrijven. Er was reeds een daling van de vervallen handelsvorderingen in 2010 ten gevolge van de betaling van France Agrimer, een openbare administratieve instelling onder toezicht van de Franse overheid. In januari 2012 werd er een overeenkomst bereikt met ATM Eleveurs de Ruminants (federatie van veefokkers) voor de betaling van de achterstallige handelsvorderingen voor een bedrag van 7,6 miljoen EUR en de betaling hiervan werd reeds voldaan in januari 2012. Per 31 december 2011 werd een waardevermindering teruggenomen voor een bedrag van 1,5 miljoen EUR (toelichting 7 – Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)).
De beweging van de waardeverminderingen op handelsvorderingen tijdens het jaar kan als volgt samengevat worden :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Saldo op 1 januari | 14,5 | 14,7 |
| Wijziging in de consolidatiekring | -0,5 | - |
| Geboekte waardeverminderingen | 4,0 | 3,3 |
| Terugname waardeverminderingen | -2,3 | -0,6 |
| Overige bewegingen | -4,2 | -2,9 |
| Saldo op 31 december | 11,5 | 14,5 |
Interestrisico
Schommelingen in interestvoeten kunnen de interestopbrengsten en -kosten op rentedragende activa en schulden doen variëren. Bovendien kunnen deze schommelingen de marktwaarde van bepaalde fi nanciële activa, schulden en instrumenten beïnvloeden.
Op 31 december was het interestbeleid omtrent de rentedragende fi nanciële instrumenten van de groep als volgt :
| (miljoen EUR) | toelichting | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| Vastrentende fi nanciële instrumenten | |||
| Financiële activa | 20 | 4,3 | 86,5 |
| Financiële schulden | 24 | 195,6 | 287,7 |
| Financiële instrumenten met een variabele rentevoet | |||
| Financiële activa | 20 | 30,6 | 64,0 |
| Financiële schulden | 24 | 66,7 | 31,1 |
Verschillende indekkingsinstrumenten worden gebruikt door de groep na de goedkeuring door de raad van bestuur :
-
Cross currency interestswaps (CCIRS) voor de USD en GBP schuldindekking.
-
Interestswaps (IRS) voor het interestrisico op de USD schuldindekking.
• Gevoeligheidsanalyse van de kasstroom van variabel rentende instrumenten
Een stijging (daling) van de rentevoet met 100 basispunten op rapporteringsdatum zou de winst- of verliesrekening doen toenemen (afnemen) met een bedrag van 0,3 miljoen EUR (2010 : 0,3 miljoen EUR). Deze analyse veronderstelt dat alle andere parameters, in het bijzonder de wisselkoersen, onveranderd blijven.
Liquiditeitsrisico
De groep zal zijn fi nanciële verplichtingen, wanneer deze de terugbetalingsdatum bereiken, kunnen nakomen. De groep beheert zijn liquiditeitspositie door, voor een zo lang mogelijke termijn, te verzekeren dat de groep altijd over voldoende liquiditeit zal beschikken om aan zijn fi nanciële verplichtingen te voldoen op het moment dat deze vervallen, en dit zowel onder normale als onder uitzonderlijke omstandigheden, zonder onaanvaardbare verliezen op te lopen of zonder de groep bloot te stellen aan een reputatierisico.
Teneinde dit risico te beperken, heeft de groep de volgende acties ondernomen :
- Het opzetten van een factoringprogramma voor een maximumbedrag van 200,0 miljoen EUR op het einde van 2009.
- Het aangaan van een gesyndiceerde kredietfaciliteit in februari 2010 voor een bedrag van 500,0 miljoen EUR teneinde liquiditeiten te voorzien voor de groep (167,0 miljoen EUR met een looptijd van 18 maanden, 333,0 miljoen EUR met een looptijd van 3 jaar).
- Het lanceren van een private plaatsing met een looptijd van 5 jaar in oktober 2010 (150,0 miljoen EUR).
- Het opzetten van een Braziliaanse lening in oktober 2010 met een looptijd van 12 jaar voor een bedrag van 55,8 miljoen BRL (23,0 miljoen EUR aan de slotkoers per 31 december 2011).
- De herziening in april 2011 van de gesyndiceerde kredietfaciliteit, teneinde de looptijd te verlengen tot 5 jaar, met meer fl exibiliteit (450,0 miljoen EUR).
Daarenboven beschikt de groep over een programma van handelspapier voor een maximaal bedrag van 200,0 miljoen EUR.
Verder maakt de groep op regelmatige basis korte en lange termijn vooruitzichten om de fi nanciële middelen te kunnen afstemmen met de vooropgestelde noden.
Onderstaande tabel geeft de contractuele vervaldagen van de fi nanciële schulden weer, inclusief interestbetalingen en exclusief compensatie-overeenkomsten.
| 2011 | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Contractuele | |||||
| (miljoen EUR) | Boekwaarde | kasstromen | < 1 jaar | 1-5 jaar | > 5 jaar |
| Niet-afgeleide fi nanciële schulden | |||||
| Kredietinstellingen (private plaatsing) | 150,0 | 181,5 | 7,9 | 173,6 | - |
| Niet-afgeschreven kostprijs (private plaatsing) |
-2,4 | - | - | - | - |
| Kredietinstellingen (ING) | 10,0 | 10,4 | 10,4 | - | - |
| Niet-afgeschreven kostprijs (gesyndiceerde kredietfaciliteit) |
-5,7 | - | - | - | - |
| Kredietinstellingen (handelspapier) | 43,5 | 43,6 | 43,6 | - | - |
| Kredietinstellingen (Banco Do Brasil SA) | 23,0 | 38,3 | 2,0 | 16,1 | 20,2 |
| Kredietinstellingen | 33,7 | 35,6 | 24,5 | 5,0 | 6,1 |
| Kortetermijnschulden bij kredietinstellingen |
0,7 | 0,7 | 0,7 | - | - |
| Financiële leasingschulden | 1,5 | 1,7 | 0,4 | 1,3 | - |
| Totaal | 254,3 | 311,8 | 89,5 | 196,0 | 26,3 |
| Afgeleide fi nanciële schulden | |||||
| Valutaswaps | -1,5 | ||||
| Instroom | -106,8 | -106,8 | - | - | |
| Uitstroom | 108,3 | 108,3 | - | - | |
| Interestswaps | 0,0 | ||||
| Instroom | -26,1 | -0,2 | -25,9 | - | |
| Uitstroom | 26,1 | 0,2 | 25,9 | - | |
| Termijncontracten voor elektriciteit | -3,1 | ||||
| Instroom | -35,7 | -17,6 | -18,1 | - | |
| Uitstroom | 38,8 | 19,4 | 19,4 | - | |
| Emissierechten | -0,1 | ||||
| Instroom | -0,4 | -0,4 | - | - | |
| Uitstroom | 0,5 | 0,5 | - | - | |
| Cross currency interestswaps | -5,7 | ||||
| Instroom | -122,9 | -0,3 | -122,6 | - | |
| Uitstroom | 128,9 | 0,3 | 128,6 | - | |
| Totaal | -10,4 | 10,7 | 3,4 | 7,3 | 0,0 |
| 2010 | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Contractuele | |||||
| (miljoen EUR) | Boekwaarde | kasstromen | < 1 jaar | 1-5 jaar | > 5 jaar |
| Niet-afgeleide fi nanciële schulden | |||||
| Kredietinstellingen (private plaatsing) | 150,0 | 189,4 | 7,9 | 181,5 | - |
| Niet-afgeschreven kostprijs (private plaatsing) |
-2,9 | - | - | - | - |
| Kredietinstellingen (ING) | 20,0 | 21,1 | 10,7 | 10,4 | - |
| Kredietinstellingen (EIB) | 30,0 | 32,9 | 11,5 | 21,4 | - |
| Kredietinstellingen (gesyndiceerde kredietfaciliteit) |
9,5 | 9,6 | 9,6 | - | - |
| Niet-afgeschreven kostprijs (gesyndiceerde kredietfaciliteit) |
-3,4 | - | - | - | - |
| Kredietinstellingen (handelspapier) | 53,0 | 53,2 | 53,2 | - | - |
| Kredietinstellingen (Banco Do Brasil SA) | 11,4 | 16,4 | 1,0 | 7,6 | 7,8 |
| Kredietinstellingen | 36,2 | 37,3 | 26,9 | 6,8 | 3,6 |
| Kortetermijnschulden bij kredietinstellingen |
7,1 | 7,1 | 7,1 | - | - |
| Financiële leasingschulden | 1,6 | 1,7 | 1,2 | 0,5 | - |
| Totaal | 312,5 | 368,7 | 129,1 | 228,2 | 11,4 |
| Afgeleide fi nanciële schulden | |||||
| Valutaswaps | 0,5 | ||||
| Instroom | -47,7 | -47,7 | - | - | |
| Uitstroom | 47,2 | 47,2 | - | - | |
| Valuta opties | 0,2 | ||||
| Instroom | -14,2 | -14,2 | - | - | |
| Uitstroom Cross currency interestswaps |
-0,8 | 14,0 | 14,0 | - | - |
| Instroom | -128,1 | -0,1 | -128,0 | - | |
| Uitstroom | 130,2 | 0,1 | 130,1 | - | |
| Termijncontracten voor rentevoeten | -0,2 | ||||
| Instroom | - | - | - | - | |
| Uitstroom | -0,2 | -0,2 | - | - | |
| Totaal | -0,3 | 1,2 | -0,9 | 2,1 | 0,0 |
Reële waarde van fi nanciële activa en schulden
Het onderstaande overzicht bevat de reële waarden en de boekwaarden van de fi nanciële instrumenten :
| 2011 | 2010 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | toelichting | Boekwaarde | Reële waarde | Boekwaarde | Reële waarde |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 28 | -10,4 | -10,4 | -0,3 | -0,3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 20 | 34,9 | 34,9 | 150,5 | 150,5 |
| Overige beleggingen | 16 | 5,7 | 5,7 | 6,7 | 6,7 |
| Handels- en overige vorderingen | 18 | 292,2 | 292,2 | 301,7 | 301,7 |
| Financiële schulden op meer dan één jaar | 24 | -180,5 | -187,4 | -195,4 | -202,0 |
| Leasingschulden | 24 | -1,2 | -1,2 | -0,5 | -0,5 |
| Kredietinstellingen | 24 | -179,3 | -186,2 | -194,9 | -201,5 |
| Financiële schulden op ten hoogste één jaar | 24 | -73,9 | -73,8 | -117,1 | -117,1 |
| Schulden op meer dan één jaar, die binnen het jaar vervallen |
24 | -12,8 | -12,7 | -30,3 | -30,3 |
| Leasingschulden | 24 | -0,3 | -0,3 | -1,1 | -1,1 |
| Handelspapier en kredietinstellingen | 24 | -60,1 | -60,1 | -78,6 | -78,6 |
| Kortetermijnschulden bij kredietinstellingen | 24 | -0,7 | -0,7 | -7,1 | -7,1 |
| Handels- en overige schulden | 27 | -381,7 | -381,7 | -499,8 | -499,8 |
| Totaal | -313,7 | -320,5 | -353,7 | -360,3 |
Schatting van de reële waarde
• Afgeleide fi nanciële instrumenten
De reële waarde van een afgeleid fi nancieel instrument is het bedrag waartegen een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld, tussen goed geïnformeerde en tot een transactie bereid zijnde partijen volgens een zakelijke objectieve grondslag ("arm's length" principe).
De reële waarde van valuta termijncontracten wordt berekend als de verdisconteerde waarde van het verschil tussen de contractwaarde en de huidige termijnkoers.
De reële waarde van deze instrumenten geeft in het algemeen de geschatte bedragen weer die de groep zou ontvangen bij het afsluiten van voordelige contracten of de geschatte bedragen die de groep zou moeten betalen om onvoordelige contracten te verbreken op balansdatum, hierbij rekening houdend met huidige niet-gerealiseerde winsten of verliezen op lopende contracten.
De volgende tabel geeft de reële waarde weer van alle uitstaande afgeleide fi nanciële instrumenten op jaareinde :
| 2011 | 2010 | |||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Contractueel bedrag |
Reële waarde |
Contractueel bedrag |
Reële waarde |
| Valutaswaps | 106,8 | -1,5 | 47,7 | 0,5 |
| Cross currency interestswaps | 127,8 | -5,7 | 127,8 | -0,8 |
| Valuta opties | - | - | 14,2 | 0,2 |
| Termijncontracten voor rentevoeten | - | - | 80,0 | -0,2 |
| Interestswaps | 0,0 | 0,0 | - | - |
| Termijncontracten voor elektriciteit | 38,8 | -3,1 | - | - |
| Emissierechten | -0,1 | -0,1 | - | - |
| Totaal | 273,3 | -10,4 | 269,7 | -0,3 |
Het contractuele bedrag geeft het volume weer van de op balansdatum uitstaande afgeleide producten en vertegenwoordigen als dusdanig geenszins het risico van de groep afkomstig van dergelijke transacties.
De reële waarde van de afgeleide fi nanciële instrumenten per 31 december 2011 bedroeg -10,4 miljoen EUR en omvat voornamelijk de volgende fi nanciële instrumenten :
- De groep beheert een portefeuille van termijncontracten voor elektriciteit, die in het verleden niet aan reële waarde werden gewaardeerd in overeenstemming met de vrijstelling voor eigen gebruik ("own use exemption"). Als gevolg van de verkoop van de Pvc/Chloor-alkali activiteiten, werd deze portefeuille gewaardeerd aan reële waarde en bedroeg -3,1 miljoen EUR per 31 december 2011 (toelichting 7 – Nietrecurrente opbrengsten/(kosten)). De groep heeft de verplichting om 701 760 Mwh elektriciteit aan te kopen in de periode 2012-2014 voor een bedrag van 38,8 miljoen EUR.
-
Verscheidene EUR/USD en EUR/GBP cross currency interestswaps werden aangegaan teneinde het wisselkoersrisico in te dekken op de intragroepsleningen aangegaan tussen entiteiten van de groep met een verschillende functionele munt. De nominale bedragen van deze transacties bedragen 52,0 miljoen GBP en 95,0 miljoen USD (hoofdsom van de intragroepsleningen) en vervallen in oktober 2015 (vervaldag van de leningen). De groep ontvangt een vaste interest in EUR en betaalt een vaste interest in USD en GBP (gecompenseerd door de interest ontvangen op de intragroepsleningen). De reële waarde van deze instrumenten bedraagt -5,7 miljoen EUR op 31 december 2011 (2010 : -0,8 miljoen EUR). Overeenkomstig IAS 39 werden deze afgeleide fi nanciële instrumenten beschouwd als een indekking van kasstromen. Het risico dat ingedekt wordt, bestaat uit de variabiliteit van de hoofdsom van de intragroepsleningen vanwege de fl uctuatie van de EUR/USD en EUR/GBP wisselkoersen ; de afgedekte positie bestaat uit de intragroepslening in USD en GBP. Het effectieve gedeelte van de verandering in reële waarde is opgenomen in de kasstroom indekkingsreserve in het eigen vermogen, terwijl het niet-effectieve gedeelte rechtstreeks in de winst- en verliesrekening is opgenomen.
-
De waarde van de valutaswaps, met vervaldatum in het eerste kwartaal van 2012 voor een bedrag van -1,5 miljoen EUR.
- In december 2011 heeft Tessenderlo U.S.A. Inc., een Amerikaanse holding maatschappij, een dividend uitgekeerd van 85,0 miljoen USD aan Tessenderlo Chemie NV. Hieropvolgend is de groep diverse valutaswaps aangegaan, teneinde de positie in USD in te dekken, volgend op de intragroepslening van 85,0 miljoen USD met Tessenderlo U.S.A. Inc.. In december 2011 is de groep eveneens verschillende interestswaps aangegaan teneinde het interestrisico in te dekken op deze valutaswaps in USD. De interestswaps werden gewaardeerd aan reële waarde in de winst- en verliesrekening en bedragen 0,0 miljoen EUR per 31 december 2011.
De netto wijziging in de reële waarde van afgeleide fi nanciële instrumenten, opgenomen in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, bedraagt -5,7 miljoen EUR en is als volgt samengesteld :
- De wijziging van de reële waarde van de cross currency interestswaps voor de periode bedraagt -0,1 miljoen EUR.
- Het aandeel van de groep in de wijziging van de reële waarde van de interestswaps in de geassocieerde onderneming T-Power SA bedraagt -7,4 miljoen EUR, opgenomen in het eigen vermogen in overeenstemming met de boekhoudprincipes betreffende kasstroomafdekkingen.
- De afschrijving van het overblijvende effectieve gedeelte van de cross currency interestswaps afgewikkeld in oktober 2010 voor een bedrag van 1,6 miljoen EUR. Aangezien de afgedekte positie voor de cross currency interestswaps nog steeds bestaat en de modaliteiten van de onderliggende leningen niet signifi cant veranderden, werd enkel een gedeelte van de indekkingsreserve, opgenomen in het eigen vermogen, naar de winst- en verliesrekening overgeboekt op het moment van de afwikkeling. Het overblijvende (effectieve) gedeelte bleef in het eigen vermogen opgenomen en wordt afgeschreven in de winst- en verliesrekening over de resterende looptijd van de intragroepsleningen. Het resterende bedrag van 0,3 miljoen EUR zal afgeschreven worden in het eerste kwartaal van 2012.
- De reële waarde per 31 december 2010 van de termijncontracten voor rentevoeten, die vervallen zijn in 2011 (0,2 miljoen EUR).
Met betrekking tot de valutaswaps en de cross currency interestswaps, geeft de onderstaande tabel de onderliggende contractenwaarden weer van de uitstaande contracten per munteenheid (verkoop van vreemde munten) op jaareinde.
| 2011 | 2010 | |||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen) | Bedrag in vreemde munt |
Bedrag in EUR |
Bedrag in vreemde munt |
Bedrag in EUR |
| GBP | 42,8 | 48,1 | 62,0 | 70,8 |
| USD | 248,8 | 191,0 | 133,3 | 97,7 |
| Overige | - | 0,8 | - | 7,0 |
| Totaal | 239,9 | 175,5 |
• Rentedragende leningen
De reële waarde wordt berekend op basis van de verdisconteerde toekomstige afl ossingen en rentebetalingen.
De interestvoeten die gebruikt werden om de toekomstige kasstromen te verdisconteren, indien van toepassing, zijn gebaseerd op de rendementscurve van de overheidsobligaties op 31 december met een toepasselijke kredietspreiding, en zijn als volgt :
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Rentedragende leningen | 5,0 % | 5,2 % |
• Financiële leaseverplichtingen
De reële waarde wordt geschat op de contante waarde van de toekomstige kasstromen verdisconteerd tegen de rente voor homogene lease-overeenkomsten. De geschatte reële waarde weerspiegelt de verandering in de rentevoeten.
De interestvoeten die gebruikt werden om de toekomstige kasstromen te verdisconteren, indien van toepassing, zijn gebaseerd op de rendementscurve van de overheidsobligaties op 31 december met een toepasselijke kredietspreiding, en zijn als volgt :
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| Leasingschulden | 7,0 % | 7,0 % |
• Handels- en overige vorderingen
Voor vorderingen en schulden die binnen één jaar vervallen wordt de nominale waarde geschat een afspiegeling te zijn van de reële waarde. Alle overige vorderingen en schulden worden verdisconteerd om de reële waarde te bepalen.
Reële waarde hiërarchie
IFRS 7 Financiële instrumenten : Informatieverschaffi ng, vereist dat de groep bepaalde inlichtingen verschaft omtrent haar fi nanciële instrumenten die gewaardeerd worden aan reële waarde in de balans.
De onderstaande tabel toont de fi nanciële activa en schulden die in de balans opgenomen worden aan reële waarde in overeenstemming met de reële waarde hiërarchie : deze hiërarchie groepeert de fi nanciële activa en schulden binnen drie niveaus op basis van de gebruikte gegevens om de reële waarde van deze fi nanciële activa en schulden te bepalen. De reële waarde hiërarchie bestaat uit de volgende niveaus :
- Niveau 1 : genoteerde prijzen (niet-aangepast) op actieve markten voor identieke activa of verplichtingen ;
- Niveau 2 : andere inputs dan de in Niveau 1 ondergebrachte genoteerde prijzen, die voor het actief of voor de verplichting waarneembaar zijn, hetzij direct (d.w.z. als prijzen) hetzij indirect (d.w.z. afgeleid van prijzen) ;
- Niveau 3 : inputs voor het actief of de verplichting die niet gebaseerd zijn op waarneembare marktgegevens (niet-waarneembare inputs).
Het niveau in de reële waarde hiërarchie waarbinnen de waardering tegen reële waarde in haar geheel wordt gecategoriseerd, moet worden bepaald op basis van de input van het laagste niveau dat van belang is voor de waardering tegen reële waarde in haar geheel.
De fi nanciële activa en schulden opgenomen aan reële waarde in de balans worden op volgende wijze voorgesteld in de reële waarde hiërarchie :
| 2011 | ||||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Valutaswaps | - | -1,5 | - | -1,5 |
| Cross currency interestswaps | - | -5,7 | - | -5,7 |
| Interestswaps | - | 0,0 | - | 0,0 |
| Termijncontracten voor elektriciteit | - | -3,1 | - | -3,1 |
| Emissierechten | - | -0,1 | - | -0,1 |
| Totaal | - | -10,4 | - | -10,4 |
| 2010 | ||||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Valutaswaps | - | 0,5 | - | 0,5 |
| Cross currency interestswaps | - | -0,8 | - | -0,8 |
| Valuta opties | - | 0,2 | - | 0,2 |
| Termijncontracten voor rentevoeten | - | -0,2 | - | -0,2 |
| Emissierechten | - | 0,0 | - | 0,0 |
| Totaal | - | -0,3 | - | -0,3 |
29. Operationele leasing
Leasing als leasingnemer
De niet-opzegbare operationele leasingcontracten zijn als volgt betaalbaar :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Minder dan één jaar | 27,8 | 30,9 |
| Tussen één en vijf jaar | 59,3 | 58,7 |
| Meer dan vijf jaar | 18,8 | 20,1 |
| Totaal | 105,9 | 109,7 |
De 2010 cijfers in bovenstaande tabel omvatten de niet-opzegbare operationele leasingschulden van de voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten. De afname in 2011, het gevolg van de wijziging in de consolidatiekring, werd gecompenseerd door nieuwe operationele lease overeenkomsten, voornamelijk de operationele leasing van rollend materieel in het bedrijfssegment "Gelatine en Akiolis".
Tijdens het huidige jaar werd 30,8 miljoen EUR verwerkt als kost van de voortgezette bedrijfsactiviteiten in de winst- en verliesrekening uit hoofde van operationele leasing als leasingnemer (2010 : 29,1 miljoen EUR).
De niet-opzegbare operationele leasingcontracten betreffen voornamelijk terreinen en gebouwen (34,4 miljoen EUR), installaties, machines en uitrusting (24,2 miljoen EUR) en meubilair en rollend materieel (45,4 miljoen EUR).
Eén van de gehuurde eigendommen is onderverhuurd door de groep vanaf jaareinde 2010. De verwachte betalingen voor onderverhuur tijdens 2012 bedragen 0,2 miljoen EUR en 0,8 miljoen EUR wordt verwacht invorderbaar te zijn in de periode 2013-2016.
Leasing als leasinggever
De groep verhuurt een deel van haar activa via operationele leasingcontracten. De toekomstige minimum huurbetalingen van niet-opzegbare operationele leasingcontracten zijn als volgt :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Minder dan één jaar | 0,9 | 0,9 |
| Tussen één en vijf jaar | 1,0 | 1,4 |
| Meer dan vijf jaar | 2,1 | 2,2 |
| Totaal | 3,9 | 4,5 |
Tijdens 2011 werd een bedrag van 0,9 miljoen EUR verwerkt als opbrengst van de voortgezette bedrijfsactiviteiten uit hoofde van operationele leasing (2010 : 0,6 miljoen EUR).
Operationele huuropbrengsten in 2011 zijn voornamelijk afkomstig van terreinen en gebouwen.
30. Waarborgen en verbintenissen
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Waarborgen gesteld door derden voor rekening van de groep | 49,5 | 79,2 |
| Waarborgen gesteld voor rekening van derden | 7,5 | 18,4 |
| Waarborgen verkregen van derden | 2,7 | 2,6 |
| Totaal | 59,7 | 100,2 |
Waarborgen gesteld door derden voor rekening van de groep hebben voornamelijk betrekking op waarborgen voor milieuverplichtingen voor 18,1 miljoen EUR (2010 : 17,5 miljoen EUR) en de waarborg op het nog te betalen deel van de EU boete. Op 20 juli 2010 heeft de Europese Commissie een beslissing genomen naar aanleiding van het onderzoek van de Europese Commissie naar kartelvorming binnen de sector van de veevoederfosfaten. De boete werd vastgelegd op 83,8 miljoen EUR, welke betaalbaar is in de periode oktober 2010 – oktober 2012, door middel van 3 gelijke betalingen van 1/3 van het bedrag. In oktober 2010 werd een bankwaarborg verkregen voor een bedrag van 57,9 miljoen EUR. De tweede betaling werd voldaan in oktober 2011. De overblijvende bankwaarborg bedraagt 28,3 miljoen EUR per 31 december 2011.
Waarborgen gesteld voor rekening van derden betreffen voornamelijk waarborgen die gesteld werden voor de accurate uitvoering van projecten. De daling van deze waarborgen in vergelijking met vorig jaar heeft voornamelijk betrekking op de waarborg verleend door Tessenderlo Chemie NV aan de geassocieerde onderneming T-Power SA in 2010 voor een bedrag van 10,2 miljoen EUR. Deze waarborg werd gegeven voor toegestemde kapitaalverhogingen en dienstverleningen door Tessenderlo Chemie NV. Overwegende dat het kapitaal volledig volstort werd en dat alle diensten verleend werden, was deze waarborg niet meer noodzakelijk per jaareinde 2011.
Waarborgen verkregen van derden betreffen waarborgen die door leveranciers gesteld worden tegenover de groep als waarborg voor de accurate uitvoering van investeringsprojecten.
De aandelen van T-Power SA zijn in pand gegeven in de eerste graad om de verplichtingen met betrekking tot een leningsovereenkomst van 440,0 miljoen EUR, getekend op 18 december 2008 tussen T-Power SA en een bankensyndicaat, te waarborgen. De aandelen van T-Power SA zijn in pand gegeven in de tweede graad om een "tolling"-overeenkomst voor de volledige 425 MW capaciteit, getekend op 13 augustus 2008 tussen T-Power SA en RWE groep, te waarborgen. Deze "tolling" overeenkomst zal over een periode van 15 jaar lopen, met een mogelijke verlenging met 5 jaar nadien.
De groep en zijn fi lialen hebben bepaalde andere voorwaardelijke verplichtingen met betrekking tot lange termijn aankoopverplichtingen en verbintenissen. Deze verbintenissen voorzien in strategische grondstoffen, goederen en diensten, zoals elektriciteit en gas.
31. Voorwaardelijke verplichtingen en baten
De groep wordt geconfronteerd met een aantal schade-eisen of potentiële schade-eisen en geschillen die voortvloeien uit de dagelijkse bedrijfsvoering. In de mate dat deze schade-eisen en geschillen zodanig zijn dat, wanneer het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van de verplichting een uitstroom van middelen noodzakelijk is en wanneer een betrouwbare schatting gemaakt kan worden van de verplichting, werden er geschikte voorzieningen aangelegd.
Het behoort tot het beleid van de groep om milieuvoorzieningen aan te leggen wanneer de groep een bestaande verplichting heeft (in rechte afdwingbaar of feitelijk) als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, wanneer het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van die verplichtingen een uitstroom van middelen noodzakelijk zal zijn en wanneer een betrouwbare schatting gemaakt kan worden van de omvang van deze verplichtingen.
Deze voorzieningen worden regelmatig opnieuw beoordeeld en indien nodig aangepast naarmate het onderzoek en de werkzaamheden vorderen en additionele informatie beschikbaar komt. Milieuverplichtingen kunnen belangrijke wijzigingen ondergaan als gevolg van nieuwe informatie over de aard en de omvang van de verontreinigingen, een verandering in de wetgeving of andere soortgelijke factoren.
Zoals vermeld in toelichting 26 – Voorzieningen, bedragen de milieuvoorzieningen, in overeenstemming met de waarderingsgrondslagen zoals hierboven vermeld, 31,6 miljoen EUR per 31 december 2011 (2010 : 35,9 miljoen EUR).
Hoewel het niet mogelijk is om de afwikkeling van alle huidige milieurisico's te voorspellen, mag redelijkerwijze worden aangenomen dat er in de toekomst een nood zal ontstaan voor de aanleg van nieuwe milieuvoorzieningen. Deze zullen, naar het oordeel van het management en gebaseerd op de huidige beschikbare informatie, geen wezenlijke invloed hebben op de fi nanciële positie van de groep, maar zouden wel een materiële invloed kunnen hebben op het resultaat van de groep in eender welke verslagperiode.
Met het oog op de aanschaf van een bijkomend belang van 20 % in Wolf Mountain Products LLC, bezit de groep, zoals overeengekomen met de huidige eigenaars van dat belang, een optie die kan uitgeoefend worden van 1 januari 2014 tot 30 juni 2014. De uitoefenprijs wordt bepaald aan de hand van een formule, gebaseerd op de boekhoudkundige gegevens van Wolf Mountain Products LLC.
Met het oog op de aanschaf van een bijkomend belang van 50 % in Établissements Violleau SAS, bezit de groep, zoals overeengekomen met de huidige eigenaars van dat belang, een optie die kan uitgeoefend worden van 1 april 2014 tot 15 mei 2014. De uitoefenprijs wordt bepaald aan de hand van een formule, gebaseerd op de boekhoudkundige gegevens van Établissements Violleau SAS.
Met het oog op de aanschaf van een bijkomend belang van 13,8 % in PB Gelatins Heilongjiang & Co Ltd, bezit de groep, zoals overeengekomen met de huidige eigenaars van dat belang, een optie die op elk moment kan uitgeoefend worden. De uitoefenprijs wordt bepaald aan de hand van een formule, gebaseerd op de boekhoudkundige gegevens van PB Gelatins Heilongjiang & Co Ltd.
Acquisities, investeringen en joint-venture overeenkomsten, alsook desinvesteringen, kunnen gebruikelijke voorzieningen bevatten, welke kunnen leiden tot prijsaanpassingen. Bovendien werd voor desinvesteringen voldoende rekening gehouden met voorzieningen voor mogelijke schadeloosstellingen betaalbaar aan de overnemer, indien nodig, met inbegrip van aangelegenheden op het gebied van gezondheid, milieu, belastingen, productaansprakelijkheid, herstructureringen, concurrentie, pensioenen en vergoedingen in aandelen.
Aan de groep zijn emissierechten toegekend voor de periode 2008-2012. Deze toegekende emissierechten werden gratis ontvangen. Elk surplus of tekort van emissierechten over deze periode zal geen signifi cante impact hebben op de geconsolideerde winst- en verliesrekening van de groep.
32. Verbonden partijen
Verbonden partijen voor de groep zijn haar dochterondernemingen, geassocieerde ondernemingen, jointventures en met haar belangrijkste aandeelhouder, bestuurders en haar Group Management Comité.
Per 31 december 2011 bezit Société Nationale des Poudres et Explosifs (SNPE), een Frans overheidsbedrijf, 7 847 863 aandelen (26,6 % van de vennootschap). SNPE is een belangrijke Franse industriële groep die zich specialiseert in chemische producten voor energetische materialen die gebruikt worden bij verscheidene burgerlijke en militaire systemen, in het bijzonder in stevige aandrijving voor strategische en tactische raketten en ruimtelanceerinrichtingen. De onderneming is eveneens actief op het gebied van chemische specialiteiten. SNPE ontvangt dividenden in verhouding met zijn aangehouden aandelen en is in de raad van bestuur door drie leden vertegenwoordigd. SNPE heeft het keuzedividend gerelateerd aan het boekjaar 2010 volledig onderschreven in nieuwe aandelen.
De groep kocht en verkocht goederen en diensten aan verschillende verbonden partijen waarin de groep een belang van 50 % of minder aanhoudt (beleggingen in joint-ventures en geassocieerde ondernemingen, zie toelichting 15 – Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode). Dergelijke transacties zijn gebaseerd op een zakelijke objectieve grondslag ("arm's length" principe) onder voorwaarden vergelijkbaar met transacties met derde partijen.
Transacties met joint-ventures :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Omzet | 8,1 | 5,6 |
| Kostprijs verkopen | -25,9 | -18,0 |
| Vlottende activa | 0,8 | 1,3 |
| Schulden op ten hoogste één jaar | 2,2 | 1,8 |
Transacties met geassocieerde ondernemingen :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Overige bedrijfsopbrengsten | 0,1 | - |
| Vlottende activa | - | 1,1 |
Het maatschappelijk kapitaal van de geassocieerde onderneming T-Power SA, waarin Tessenderlo Chemie NV een deelneming heeft van 1/3, is met 6,6 miljoen EUR verhoogd in 2011. Bijgevolg heeft Tessenderlo Chemie NV 2,2 miljoen EUR bijgedragen.
Tessenderlo Kerley Inc., een dochteronderneming in de Verenigde Staten van Amerika, heeft 0,2 miljoen EUR geïnvesteerd in de geassocieerde onderneming Wolf Mountain Products LLC. Bovendien heeft Tessenderlo Kerley Inc. de toegekende lening aan Wolf Mountain Products LLC verhoogd van 0,4 miljoen USD naar 1,0 miljoen USD. Echter, ten gevolge van de fi nanciële prestatie van Wolf Mountain Products LLC, werden de participatie en de lening volledig afgewaardeerd in 2011 (toelichting 15 – Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode).
Dividenden werden ontvangen van joint-ventures en geassocieerde ondernemingen voor een bedrag van 8,8 miljoen EUR (2010 : 5,0 miljoen EUR).
Transacties met de leden van het Group Management Comité :
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 5,7 | 4,2 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | 0,3 | 0,2 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 0,8 | 1,5 |
| Totaal | 6,8 | 5,9 |
Kortetermijnpersoneelsbeloningen omvatten salarissen en bonussen verdiend tijdens 2011 (inclusief bijdragen aan de sociale zekerheid), leasing van wagens en andere vergoedingen indien van toepassing.
De vaste en variabele kortetermijnpersoneelsbeloningen bedragen respectievelijk 3,8 miljoen EUR en 1,9 miljoen EUR (2010 : 3,2 miljoen EUR en 1,0 miljoen EUR respectievelijk).
De op aandelen gebaseerde betalingen in 2011 omvatten enkel de kostprijs van de warranten voor de schijf van 2011, terwijl de op aandelen gebaseerde betalingen in 2010 de kostprijs van de warranten voor de schijf van 2009 evenals de schijf van 2010 omvatten (toelichting 25 – Personeelsbeloningen).
In 2011 zijn er geen warranten uitgeoefend door de leden van het Group Management Comité (toelichting 25 – Personeelsbeloningen).
33. Honoraria van de commissaris
Klynveld Peat Marwick Goerdeler Bedrijfsrevisoren (KPMG), vertegenwoordigd door de heer Ludo Ruysen, werd herbenoemd als commissaris van de groep door de aandeelhoudersvergadering van de vennootschap op 1 juni 2010, volgend op een audit biedproces.
De honoraria betaald door de groep aan zijn commissaris bedroegen :
| 2011 | ||||
|---|---|---|---|---|
| (miljoen EUR) | Audit | Audit gerelateerde diensten |
Overige | Totaal |
| KPMG (België) | 0,4 | 0,0 | 0,2 | 0,6 |
| KPMG (buiten België) | 0,6 | 0,0 | 0,1 | 0,7 |
| Totaal | 1,0 | 0,0 | 0,3 | 1,3 |
| 2010 | ||||
|---|---|---|---|---|
| Audit gerelateerde |
||||
| (miljoen EUR) | Audit | diensten | Overige | Totaal |
| KPMG (België) | 0,3 | 0,2 | 0,2 | 0,7 |
| KPMG (buiten België) | 0,6 | 0,0 | 0,3 | 0,9 |
| Totaal | 0,9 | 0,2 | 0,5 | 1,6 |
34. Gebeurtenissen na balansdatum
De groep heeft op 31 januari 2012 de acquisitie aangekondigd van het segment gewasbescherming van de wereldwijde carbaryl-activiteit van Bayer CropScience door Tessenderlo Kerley Inc. (TKI), een dochteronderneming in de Verenigde Staten van Amerika binnen het bedrijfssegment "Tessenderlo Kerley". De acquisitie zal naar verwachting jaarlijks 15 miljoen euro bijkomende omzet genereren voor TKI. TKI verwerft de wereldwijde gewasbeschermingsactiviteit, inclusief de handelsnamen, knowhow, registraties en registratiegegevens. Op de datum van goedkeuring voor publicatie van de fi nanciële staten door de raad van bestuur, was de opname en waardebepaling van de identifi ceerbare activa en verworven schulden nog niet afgerond.
35. Ondernemingen van de groep
Hieronder zijn alle ondernemingen van de groep vermeld.
Het totaal aantal geconsolideerde ondernemingen bedraagt 90.
De lijst van de ondernemingen op 31 december 2011 geconsolideerd volgens de volledige consolidatiemethode :
| Europa Onderneming Adres nummer Eigendom België Dyka Plastics NV 3900 Overpelt 0414467340 100 % België Limburgse Rubber Produkten 3620 Rekem-Lanaken 0415296392 100 % NV België Tessenderlo Chemie 1050 Brussel 0407247372 100 % International NV België Tessenderlo Chemie NV 1050 Brussel 0412101728 100 % België Tessenderlo Finance NV 1050 Brussel 0878995984 100 % België Tessenderlo Kerley Europe NV 1050 Brussel 0419875683 100 % België Profi alis NV 8720 Oeselgem 0437458023 100 % Tsjechische Republiek Dyka s.r.o. 273 61 Velka Dobra 100 % Frankrijk Akiolis Group SAS 72000 Le Mans 100 % Frankrijk Aliphos SAS 59120 Loos 100 % Frankrijk Apeval SAS 85120 La Tardière 100 % Frankrijk Atemax Nord Est SASU 55100 Charny sur Meuse 100 % Frankrijk Atemax Ouest SASU 72000 Le Mans 100 % Frankrijk Atemax Sud Est SASU 01440 Viriat 100 % Frankrijk Atemax Sud Ouest SAS 47520 Le Passage 100 % Frankrijk Ateval Nord Est GIE 55100 Charny sur Meuse 100 % Frankrijk Ateval Sud Est GIE 01440 Viriat 100 % Frankrijk Ateval Sud Ouest GIE 47520 Le Passage 100 % Frankrijk Calaire Chimie SAS 62100 Calais 100 % Frankrijk Chemilyl SAS 59120 Loos 100 % Frankrijk CTS-Marvyfl o SAS 25340 Clerval 100 % Frankrijk Établissements Charvet Père 91490 Milly-La-Forêt 100 % et Fils SASU Frankrijk France Ester SASU 72000 Le Mans 100 % Frankrijk Ispac SAS 64130 Mauléon Licharre 100 % Frankrijk Produits Chimiques de Loos 59120 Loos 100 % SAS Frankrijk Profex SAS 62210 Avion 100 % Frankrijk Profi alis SAS 25340 Clerval 100 % Frankrijk Saplast SAS 67100 Strasbourg 100 % Frankrijk Soleval Nord Est SAS 55100 Charny sur Meuse 100 % Frankrijk Soleval Ouest SAS 72000 Le Mans 100 % Frankrijk Soleval Sud Est S.A. 01440 Viriat 96,56 % Frankrijk Soleval Sud Ouest SASU 47520 Le Passage 100 % Frankrijk Sotra-Seperef SAS 62140 Sainte Austreberthe 100 % Frankrijk Technicompound SAS 85130 Tiffauges 100 % Frankrijk Tefi par SAS 59120 Loos 100 % Frankrijk Tessenderlo Services SAS 59120 Loos 100 % Frankrijk Thermoplastiques Cousin 85130 Tiffauges 100 % Tessier SAS Duitsland Dyka GmbH 85764 Oberschleissheim 100 % Duitsland PB Gelatins GmbH 31582 Nienburg/Weser 100 % Duitsland BT Bautechnik Impex GmbH 85764 Oberschleissheim 100 % & Co. Kg Duitsland Impex Wimmer GmbH 85764 Oberschleissheim 100 % |
Belgisch | ||
|---|---|---|---|
| ondernemings | |||
| Hongarije | BTH Fitting Kft | 3636 Vadna | 100 % |
|---|---|---|---|
| Hongarije | Profi alis Kft | 2310 Szigetszentmiklós | 100 % |
| Italië | Aliphos Italia SRL | 37044 Cologna-Veneta | 100 % |
| Italië | Farchemia srl | 24047 Treviglio (BG) | 100 % |
| Italië | Tessenderlo Italia srl | 24047 Treviglio (BG) | 100 % |
| Italië | Tessenderlo Partecipazioni SpA |
24047 Treviglio (BG) | 100 % |
| Luxemburg | Térélux SA | LU - 2633 Luxembourg | 100 % |
| Polen | Dyka Polska Sp.zo.o. | 55-221 Jelcz-Laskowice | 100 % |
| Polen | T.C.T. Polska Sp.zo.o. | 96-500 Sochaczew | 100 % |
| Polen | Tessenderlo Polska Sp. zo.o. | 60-462 Poznan | 100 % |
| Polen | Profi alis Sp.zo.o. | 62-100 Wagrowiec | 100 % |
| Roemenië | Dyka Plastic Pipe Systems s.r.l. | 76100 Bucarest, sector 1 | 100 % |
| Slowakije | Dyka SK s.r.o. | 841 02 Bratislava | 100 % |
| Nederland | Dyka BV | 8331 LJ Steenwijk | 100 % |
| Nederland | Nyloplast Europe BV | 3295 KG 's Gravendeel | 100 % |
| Nederland | Plastic Pipe Systems Holding BV |
8331 LJ Steenwijk | 100 % |
| Nederland | Tessenderlo Nederland BV | 4854 MT Bavel | 100 % |
| Nederland | Tessenderlo Chemie Rotterdam BV |
3133 CA Vlaardingen | 100 % |
| Nederland | Tessenderlo NL Holding BV | 4825 AV Breda | 100 % |
| Groot-Brittannië | Dyka UK Ltd | Longtown-Carlisle Cumbria CA6 5LY |
100 % |
| Groot-Brittannië | Eurocell Building Plastics Ltd | Alfreton-Derbyshire DE55 4 RF | 100 % |
| Groot-Brittannië | Eurocell plc | Alfreton-Derbyshire DE55 4 RF | 100 % |
| Groot-Brittannië | Eurocell Profi les Ltd | Alfreton-Derbyshire DE55 4 RF | 100 % |
| Groot-Brittannië | John Davidson Holdings Ltd | Edinburgh EH3 9AG | 100 % |
| Groot-Brittannië | John Davidson Pipes Ltd | Edinburgh EH3 9AG | 100 % |
| Groot-Brittannië | PB Gelatins UK Ltd | Pontypridd CF 375 SQ | 100 % |
| Groot-Brittannië | Tessenderlo Holding UK Ltd | Mid Glamorgan CF 37 5SU | 100 % |
| Groot-Brittannië | Tessenderlo UK Ltd | Leek, Staffordshire ST13 8LD | 100 % |
| Groot-Brittannië | Wymar Systems Ltd | DY13 9EZ Stourport-on severn, Worcestershire |
100 % |
| Verenigde Staten van Amerika |
Onderneming | Adres | Belgisch ondernemings nummer |
Eigendom |
|---|---|---|---|---|
| Verenigde Staten van Amerika |
Environmentally Clean Systems LLC |
Dover, DE 19904 | 51,00 % | |
| Verenigde Staten van Amerika |
MPR Services Inc. | Wilmington County - New Castle - Delaware 0801 |
100 % | |
| Verenigde Staten van Amerika |
PB Leiner USA | Davenport, Iowa 52806 | 100 % | |
| Verenigde Staten van Amerika |
Tessenderlo Kerley Inc. | Wilmington County - New Castle - Delaware 0801 |
100 % | |
| Verenigde Staten van Amerika |
Tessenderlo Kerley Services Inc. New Mexico - 88220 Carlsbad | 100 % | ||
| Verenigde Staten van Amerika |
Tessenderlo U.S.A. Inc. | Wilmington County - New Castle - Delaware 0801 |
100 % | |
| Verenigde Staten van Amerika |
Kerley Trading Inc. | Wilmington County - New Castle - Delaware 0801 |
100 % |
| Belgisch ondernemings |
||||
|---|---|---|---|---|
| Overige | Onderneming | Adres | nummer | Eigendom |
| Argentinië | PB Leiner Argentina SA | Santa Fe CC108-S3016WAC - Santo Tomé |
100 % | |
| Brazilië | PB Brasil Industria e Commercio de Gelatinas Ltda |
Acorizal, Mato Grosso CEP 74480-000 |
100 % | |
| Chili | Tessenderlo Kerley Latino Americana SA |
9358 Santiago | 100 % | |
| China | CTS Automotive Compounds (Changsu) Co. Ltd |
Changsu City - 222023 Jiangsu Province |
100 % | |
| China | Lianyungang Taile Chemical Industry, Co. Ltd |
Lianyungang City - 222023 Jiangsu Province |
100 % | |
| China | PB Gelatins (Wenzhou) Co Ltd | Ping Yang County - 325401 Zhejiang Province |
80,00 % | |
| China | PB Gelatins Heilongjiang Co Ltd |
Kongguo County - Heilongjiang Province |
86,20 % | |
| China | Tessenderlo Asia Holding Ltd | Hong Kong | 100 % | |
| China | Tessenderlo Trading (Shanghai) Co. Ltd |
China R.P. - 200021 Shanghai | 100 % | |
| Japan | Tessenderlo Kerley Inc. Japan KK |
Tokyo - Chiyoda-ku | 100 % | |
| Mexico | Tessenderlo Kerley Mexico SA de CV |
85800 Novojoa, Sonora | 100 % | |
| Peru | Tessenderlo Kerley Peru SAC | Arequipa | 96,70 % | |
| Turkije | Tessenderlo Agrochem Tarim Ve Kimya San. Ve Tic. Ltd. Sti. |
34387 Kuştepe - Şişli / İstanbul | 100 % |
De lijst van de ondernemingen per 31 december 2011 geconsolideerd volgens de vermogensmutatiemethode :
| Europa | Onderneming | Adres | Belgisch ondernemings nummer |
Eigendom |
|---|---|---|---|---|
| België | T-Power SA | 1200 Brussel | 0875650771 | 33,33 % |
| Frankrijk | Établissements Violleau SAS | 79380 La Forêt sur Sèvre | 50,00 % | |
| Frankrijk | Établissements Michel SAS | 31800 Villeneuve de Rivière | 50,00 % | |
| Frankrijk | Meta Bio Energies SAS | 49520 Combrée | 20,46 % | |
| Frankrijk | Siram SARL | 50390 Saint-Sauveur-le | 50,00 % | |
| Vicomte |
| Overige | Onderneming | Adres | Belgisch ondernemings nummer |
Eigendom |
|---|---|---|---|---|
| Bahrein | MPR Middle East WLL | 20563 Manama | 50,00 % | |
| Mexico | Alkemin S de RL de CV | Mexico D.F. 11700 | 49,50 % | |
| Verenigde Staten van Amerika |
Jupiter Sulphur LLC | Wilmington County - New Castle - Delaware 0801 |
50,00 % | |
| Verenigde Staten van Amerika |
Wolf Mountain Products LLC | Lindon - Utah 84042 | 45,00 % |
De lijst van de niet-geconsolideerde ondernemingen per 31 december 2011 (wegens hun niet-signifi cante invloed op de geconsolideerde cijfers) :
| Europa | Onderneming | Adres | Belgisch ondernemings nummer |
Eigendom |
|---|---|---|---|---|
| België | Globe International SA | 1050 Brussel | 0416159791 | 100 % |
| België | Plastival Benelux NV | 3900 Overpelt | 0450918950 | 100 % |
| Duitsland | H.G.S. GmbH | 22767 Hamburg | 100 % | |
| Duitsland | LVM Kunststoffe GmbH | 31582 Nienburg | 100 % | |
| Spanje | Tessenderlo Chemie España TCE sa |
28224 Pozuelo de Alarcon (Madrid) |
100 % | |
| Zwitserland | Tessenderlo Schweiz AG | 5330 Bad Zurzach | 100 % | |
| Nederland | De Hoeve Kunststofrecycling BV |
7772 BC Hardenberg | 50,00 % | |
| Nederland | Wymar Nederland BV | 3133 CA Vlaardingen | 100 % | |
| Oekraïne | Wymar Ukraine | 03134 Kiev | 100 % | |
| Groot-Brittannië | Britphos Ltd | Leek, Stafforshire ST13 8LD | 100 % | |
| Groot-Brittannië | LVM UK Ltd | Alfreton-Derbyshire DE55 4RF | 100 % |
36. Kritische boekhoudkundige schattingen en oordeelsvormingen
De voorbereiding van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS, zoals aanvaard binnen de Europese Unie, vereist de nodige schattingen, oordeelsvormingen en veronderstellingen van het management. Deze zullen de toepassing van de boekhoudprincipes, de gerapporteerde bedragen van activa en schulden, de toelichting betreffende de voorwaardelijke baten en verplichtingen op datum van de jaarrekening en de gerapporteerde bedragen van kosten en opbrengsten tijdens de rapporteringsperiode beïnvloeden. Het management baseert haar schattingen op haar historische ervaring en talrijke andere veronderstellingen waarvan aangenomen wordt dat deze redelijk zijn onder de omstandigheden. De resultaten hiervan vormen de basis voor het opstellen van de gerapporteerde bedragen van kosten en opbrengsten, welke niet onmiddellijk duidelijk blijken uit andere bronnen. De uiteindelijke resultaten kunnen verschillen van deze schattingen. Schattingen worden gebruikt in de jaarrekening voor voorzieningen voor oninbare vorderingen, verouderde voorraad, aanpassingen van kostprijs of netto-opbrengstwaarde, afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen, personeelsvoordelen, belastingen, herstructureringsvoorzieningen en voorwaardelijke verplichtingen. Schattingen en veronderstellingen worden periodiek herzien en de effecten van de herzieningen worden opgenomen in de jaarrekening in de periode waarin zij geacht worden noodzakelijk te zijn.
De groep heeft belangrijke schattingen en beoordelingen gebruikt voor de voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening met betrekking tot materiële vaste activa (toelichting 12), goodwill (toelichting 13), overige immateriële activa (toelichting 14), aanpassingen aan kostprijs of netto-opbrengstwaarde, indien deze lager is, met betrekking tot voorraden (toelichting 19), voorzieningen (toelichting 26), belastingen en uitgestelde belastingen (toelichtingen 11 en 17), vaste activa aangehouden voor verkoop (toelichting 21), de verplichtingen betreffende de personeelsbeloningen (toelichting 25), fi nanciële instrumenten (toelichting 28) en de voorwaardelijke verplichtingen en baten (toelichting 31).
Verklaring over het getrouw beeld van de jaarrekeningen en het getrouwe overzicht in het jaarverslag
Frank Coenen (CEO) en Mel de Vogue (CFO), verklaren, in naam en voor rekening van de vennootschap, dat, voor zover hen bekend,
- a) de geconsolideerde jaarrekeningen, die zijn opgesteld overeenkomstig International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals aanvaard binnen de Europese Unie, een getrouw beeld geven van het vermogen, van de fi nanciële toestand en van de resultaten van de emittent en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen ;
- b) het managementverslag over de geconsolideerde jaarrekening een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de emittent en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, evenals een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.
Verslag van de commissaris
Statutair financieel verslag
Verkorte niet-geconsolideerde balans van Tessenderlo Chemie NV
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Totaal activa | ||
| Vaste activa | 729,8 | 674,8 |
| Overige immateriële activa | 2,2 | 2,2 |
| Materiële vaste activa | 72,8 | 65,7 |
| Financiële vaste activa | 654,8 | 606,9 |
| Vlottende activa | 266,9 | 241,1 |
| Voorraden | 99,8 | 63,8 |
| Handels- en overige vorderingen op ten hoogste één jaar | 158,4 | 105,2 |
| Overige beleggingen | 4,0 | 64,4 |
| Liquide middelen | 0,1 | 5,5 |
| Overlopende rekeningen | 4,6 | 2,2 |
| Totaal activa | 996,7 | 915,9 |
| Totaal passiva | ||
| Eigen vermogen | 576,8 | 484,3 |
| Geplaatst kapitaal | 147,9 | 143,7 |
| Uitgiftepremies | 73,5 | 57,5 |
| Reserves | 24,5 | 24,8 |
| Overgedragen winst | 330,8 | 258,2 |
| Kapitaalsubsidies | 0,1 | 0,1 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 48,3 | 48,6 |
| Voorzieningen | 44,8 | 44,7 |
| Uitgestelde belastingen | 3,5 | 3,9 |
| Schulden | 360,6 | 378,2 |
| Schulden op meer dan één jaar | 152,0 | 179,9 |
| Schulden op ten hoogste één jaar | 208,6 | 198,3 |
| Overlopende rekeningen | 11,0 | 4,8 |
| Totaal passiva | 996,7 | 915,9 |
Verkorte niet-geconsolideerde winst- en verliesrekening van Tessenderlo Chemie NV
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| Totale bedrijfsopbrengsten | 672,6 | 638,8 |
| Omzet | 538,9 | 600,4 |
| Toename (+) / afname (-) van voorraden gereed product en werk in uitvoering | 27,3 | -32,5 |
| Geactiveerde eigen productie | 3,8 | 2,2 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 102,6 | 68,7 |
| Totaal bedrijfskosten | -685,3 | -646,7 |
| Grondstoffen, hulpstoffen en goederen aangekocht om doorverkocht te worden | -380,9 | -328,5 |
| Diensten en diverse goederen | -212,3 | -188,2 |
| Personeelsbeloningen, sociale lasten en pensioenen | -76,5 | -107,6 |
| Afschrijvingen op oprichtingskosten, immateriële en materiële vaste activa | -10,0 | -15,1 |
| Toename (-) / afname (+) van bedragen afgeschreven op voorraden, lopende contracten en handelsvorderingen |
-0,6 | 0,0 |
| Toename (-) / afname (+) van voorzieningen | -0,1 | 3,5 |
| Overige bedrijfskosten | -4,9 | -10,8 |
| Bedrijfswinst / bedrijfsverlies | -12,7 | -7,9 |
| Financieringsopbrengsten | 247,7 | 162,2 |
| Financieringskosten | -34,8 | -12,5 |
| Gewone winst (+)/verlies (-) vóór belasting | 200,2 | 141,8 |
| Uitzonderlijke opbrengsten | 104,3 | 141,2 |
| Uitzonderlijke lasten | -193,2 | -106,5 |
| Winst (+)/verlies (-) vóór belasting | 111,3 | 176,5 |
| Belastingen op het resultaat | 0,0 | 0,7 |
| Uitgestelde belastingen | 0,4 | -2,0 |
| Winst (+)/verlies (-) | 111,7 | 175,2 |
| Fiscaal vrijgestelde reserves | 0,7 | -3,8 |
| Voor bestemming beschikbaar nettoresultaat over het jaar | 112,4 | 171,4 |
Winstverdeling
| (miljoen EUR) | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| De raad van bestuur van Tessenderlo Chemie NV stelt voor te verdelen | ||
| - De winst, zijnde | 112,4 | 171,4 |
| - Verhoogd met de overdracht van het vorige boekjaar | 258,2 | 125,6 |
| zijnde een totaal van : | 370,6 | 297,0 |
| op de volgende wijze | ||
| - Reserves | 0,4 | 0,5 |
| - Dividenden | 39,4 | 38,3 |
| - Over te dragen winst | 330,8 | 258,2 |
| zijnde een totaal van : | 370,6 | 297,0 |
Indien dit voorstel tot winstverdeling wordt goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 5 juni 2012, zal het bruto dividend 1,3333 EUR bedragen. Dit geeft recht op een netto dividend van 1,0000 EUR voor de 29 513 058 gewone aandelen en voor de VVPR dividenden een netto bedrag van 1,0533 EUR, mits voorlegging van coupon nr. 75.
Uittreksel uit de enkelvoudige, niet-geconsolideerde jaarrekening van Tessenderlo Chemie NV, opgesteld volgens Belgische boekhoudnormen
De voorgaande informatie werd gehaald uit de enkelvoudige jaarrekening volgens Belgische boekhoudnormen van Tessenderlo Chemie NV. Deze enkelvoudige jaarrekening, samen met het rapport van de raad van bestuur aan de algemene vergadering en het verslag van de commissaris zal aan de Nationale Bank van België overgemaakt worden binnen de wettelijke termijn. Deze documenten zijn ook beschikbaar op aanvraag bij Tessenderlo Chemie NV, Troonstraat 130, 1050 Brussel.
Merk op dat alleen de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld geeft van de fi nanciële positie en de prestaties van de groep.
Vermits Tessenderlo Chemie NV in essentie een holding bedrijf is dat zijn investeringen aan kostprijs opneemt in zijn enkelvoudige jaarrekening, geven deze afzonderlijke fi nanciële staten slechts een beperkt beeld van de fi nanciële positie van Tessenderlo Chemie NV. Om deze reden achtte de raad van bestuur het gepast om slechts een ingekorte versie van de niet-geconsolideerde balans en resultatenrekening te presenteren, opgemaakt in overeenstemming met de Belgische boekhoudnormen voor het jaar eindigend op 31 december 2011.
Het statutaire verslag van de commissaris is 'zonder voorbehoud' en bevestigt dat de enkelvoudige jaarrekening van Tessenderlo Chemie NV, opgesteld volgens de Belgische boekhoudnormen voor het jaar eindigend op 31 december 2011 een getrouw beeld geeft van de fi nanciële positie van Tessenderlo Chemie NV in overeenstemming met alle wettelijke en regelgevende verordeningen.
Bijkomende informatie
WE TRANSFORMEREN OMDAT WE WAARDE WILLEN CREEREN VOOR AL ONZE STAKEHOLDERS
Informatie voor de aandeelhouders
SAMENGEVAT:
- IN DECEMBER 2011 HERNIEUWT RABOBANK SAMEN MET ZEVEN ANDERE ANALISTEN ZIJN BEOORDELING VAN TESSENDERLO CHEMIE NV.
- DE KOERS VAN HET TESSENDERLO CHEMIE NV AANDEEL BEDRAAGT 32,39 EURO IN JUNI 2011: DE HOOGSTE SLOTKOERS IN DE AFGELOPEN DRIE JAAR.
- HET VOORGESTELDE DIVIDEND VAN 1,3333 EURO BRUTO PER AANDEEL LIGT IN DE LIJN VAN VORIG JAAR.
Investor relations
Tessenderlo Group streeft ernaar om tijdig nauwkeurige en kwalitatief hoogstaande informatie te verstrekken aan de fi nanciële gemeenschap.
De groep neemt regelmatig deel aan evenementen voor investeerders, zoals roadshows en conferenties, en organiseert bedrijfsbezoeken en ontmoetingen met het management van de groep. Tessenderlo Group is bovendien een actieve en regelmatige deelnemer aan evenementen voor individuele aandeelhouders, zoals de bijeenkomsten die Euronext Brussels en de Vlaamse Federatie van Beleggersclubs en Beleggers (VFBB) organiseren.
Tessenderlo Group ontmoet analisten en investeerders om de resultaten en de toekomstige ontwikkelingen nader toe te lichten.
Daarnaast organiseert ze conference calls voor de presentatie en bespreking van de kwartaalresultaten.
De aandelen van Tessenderlo Chemie NV noteren op Euronext Brussels onder de code TESB. Ze worden verhandeld op de continumarkt en maken deel uit van de indexen BEL Mid en Next 150.
In 2011 onderging Tessenderlo Group een driejaarlijkse beoordeling van de strikte criteria en praktijken op het vlak van bedrijfsethiek, sociale prestaties en milieuprestaties door Kempen/ SNS SRI Universe. Op basis van de positieve beoordeling blijft het aandeel van de groep deel uitmaken van de 'Kempen/SNS Social Responsibility Index'. Tessenderlo Group neemt ook verdere stappen in de naleving van de bedrijfsprincipes waartoe het zich heeft verbonden. In december 2011 woonde de groep zijn eerste conferentie over duurzaam ondernemen bij. Zo plaatst ze duurzaamheid nog meer centraal in haar strategie.
Beoordeling analisten
Eind 2011 werd Tessenderlo Chemie NV gevolgd door acht analisten. De volgende aanbevelingen waren van toepassing: vier analisten gaven de groep een positieve score (tegenover twee van de zeven eind 2010) en vier analisten kenden een neutrale score toe (tegenover vier van de zeven eind 2010).
Aandeelhoudersstructuur op 31 december 2011:
| SNPE SA (FR) | 26.6% |
|---|---|
| Niet verhandelbare | 1.0% |
| aandelen (in handen | |
| van personeelsleden of | |
| voormalige perso | |
| neelsleden) | |
| Vrije omloop | 72.4% |
Op 26 oktober 2011 gaf Tessenderlo Chemie NV 350 000 warranten uit onder het Plan 2011, onder de opschortende voorwaarde van aanvaarding op of vóór 25 december 2011. 337 733 warranten werden aanvaard. Op 31 december 2011 waren er in totaal
Aandeelhouderschap
Aandelen
Institutionele beleggers
Evolutie van de TESB koers in 2011 (EUR)
1 174 389 warranten (waarvan de aanvaardingstermijn was verstreken) die uitoefenbaar waren of zullen worden in de toekomst. Het totale aantal aandelen dat het geplaatste kapitaal van Tessenderlo Chemie NV vertegenwoordigt, is 29 531 058. Deze aandelen geven de aandeelhouders recht op één stem per aandeel.
Prestaties aandelenkoers
De koers van het aandeel Tessenderlo Chemie NV daalde met 24,5 % in 2011. Daardoor presteerde het minder goed dan de indexen BEL 20 (een daling met 19,2 %) en de SX4P (daling met 9,7 %). In juni 2011 bereikte het aandeel met 32,39 euro de hoogste koers in drie jaar. Dat gebeurde na de aankondiging van twee uitbreidingen bij Tessenderlo Kerley in de maanden die voorafgingen. En na de sterke resultaten in het eerste kwartaal en de aanpassing en verlenging van een kredietfaciliteit. De aandelenkoers van Tessenderlo Chemie NV steeg met 19,3 % tot het einde van het jaar en volgde in het derde kwartaal een negatieve trend tegen een achtergrond van verslechterende marktomstandigheden. In het vierde kwartaal vertoonde de koers van het aandeel een stabiele tot opwaartse tendens. Het sloot de laatste beursdag van het jaar af op 20,54 euro.
Financiële gegevens per aandeel op 31 december
(geconsolideerde jaarrekening)
| 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | 2011 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Gegevens per aandeel | |||||
| Waarde van het eigen vermogen | 29,04 | 32,55 | 25,45 | 25,37 | 20,47 |
| Winst (+) / Verlies (-) | 4,69 | 5,08 | -6,01 | 0,72 | -3,23 |
| Nettocashfl ow | 8,99 | 10,11 | 1,65 | 3,67 | 5,02 |
| Nettodividend per gewoon aandeel | 0,95 | 1,00 | 1,00 | 1,00 | 1,00 |
| Kapitaal (miljoen EUR) | 137,02 | 138,00 | 139,00 | 143,70 | 147,90 |
| Kapitalisatie einde jaar (miljoen EUR) | 917,20 | 599,40 | 640,70 | 780,78 | 606,57 |
Beursgegevens op 31 december
| 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | 2011 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Aantal aandelen | 27 626 444 | 27 713 288 | 27 798 255 | 28 715 584 | 29 531 058 |
| Uiterste koersen | |||||
| Gewoon aandeel (EUR) | 31,27/47,20 | 20,05/38,21 | 20,73/28,17 | 20,77/27,39 | 19,53/32,39 |
| Continumarkt | |||||
| Sluitingskoers (EUR) | 33,20 | 21,63 | 23,05 | 27,19 | 20,54 |
| Gemiddeld dagelijks volume | 97 787 | 103 308 | 81 747 | 57 688 | 51 372 |
| Velociteit (in %)* | 90,26 | 95,43 | 76,05 | 53,87 | 46,41 |
| Volume** | 24 935 571 | 26 446 820 | 20 845 534 | 14 883 517 | 13 202 614 |
* Berekend op basis van de dagelijkse omloopsnelheid van de op de gereglementeerde markt verhandelde aandelen
** Enkel het aantal aandelen verhandeld in het 'Electronic Order Book'.
Dividendbeleid
Tessenderlo Chemie NV streeft naar een stabiele dividendgroei. Gemiddeld wordt een derde van de netto geconsolideerde winst uitgekeerd als dividend. Dit beleid kan wel worden bijgestuurd om ervoor te zorgen dat het dividend blijft groeien of op zijn minst stabiel blijft.
Op 7 juni 2011 keurde de jaarlijkse algemene vergadering voor het boekjaar 2010 een brutodividend goed van 1,3333 euro (coupon nr.74). Dit stemt overeen met een nettodividend van 1,0000 euro. Het nettodividend voor aandelen met VVPR-strips bedraagt 1,1333 euro.
Op 6 juni 2011 besliste de raad van bestuur van Tessenderlo Chemie NV om de aandeelhouders voor de uitbetaling van het dividend voor het boekjaar 2010 de keuze te geven tussen:
- de mogelijkheid om in te tekenen op nieuwe gewone aandelen van Tessenderlo Chemie NV;
- een betaling in cash;
• een combinatie van gewone aandelen en cash.
Het dividend in cash, nieuwe aandelen of een combinatie van beide was betaalbaar vanaf 18 juli 2011.
Voor meer informatie over het dividendbeleid wordt verwezen naar de rubriek Investor Relations op de website.
Financiële kalender
| Boekjaar 2011 | Bekendmaking resultaten | 16 februari 2012 | |
|---|---|---|---|
| Algemene vergadering | 5 juni 2012 | ||
| Eerste kwartaal 2012 | Bekendmaking resultaten | 10 mei 2012 | |
| Eerste jaarhelft 2012 | Bekendmaking resultaten | 29 augustus 2012 | |
| Derde kwartaal 2012 | Bekendmaking resultaten | 15 november 2012 |
Kapitalisering aandelenmarkt
(miljoen EUR)
Financiële
index.jsp.
De volledige fi nanciële en niet-fi nanciële informatie over de groep is beschikbaar op de website www.tessenderlogroup. com. Wie de persberichten van Tessenderlo Group wenst te ontvangen via e-mail, kan zich inschrijven op de mailinglist op de website www.tessenderlogroup. com/investors/ir_mailing_list/
De fi nanciële nieuwsbronnen verspreiden informatie over Tessenderlo Chemie NV onder de volgende codes:
| • Bloomberg: | TESB:BB |
|---|---|
nieuwsbronnen
- Reuters: TESB.BR
- Datastream: B:TES
- BM: 23IT081
- ISIN: BE 000 3 555 639
- Markit: TESB
- SEDOL: 4-884-006
- vwd groep: 23lT081
De koers van het aandeel van Tessenderlo Chemie NV wordt gepubliceerd op www. tessenderlogroup.com en op de website van Euronext: www. euronext.com.
Contact
Philip Ludwig
Group Investor Relations Director Tel: +32 2 639 16 58 E-mail: [email protected]
Nettodividend per aandeel
Rendement met opnieuw geïnvesteerde dividenden
Markten en toepassingen
Landbouw
| Ammonium, calcium- en kaliumthiosulfaat: |
meststoffen voor gespecialiseerde en grootschalige teelten |
|---|---|
| Dierlijke vetten: | veevoeders |
| Bijproducten afkomstig van granen: | veevoeders |
| Gewasbeschermingsmiddelen: | bescherming van speciale gewassen |
| Gedehydrateerde proteïnen van dierlijke oorsprong: |
meststoffen, bodemverbeteraars, compostering |
| Voederfosfaten: | goed verteerbare veevoederingrediënten met minimale milieu-impact |
| Gelatine: | waterbindmiddel, proteïnebron, encapsulatie van vitamines in veevoeders en petfood |
| Gehydroliseerd eiwit: | aquacultuur, veevoeder |
| Mono-ammoniumfosfaat | gespecialiseerde meststoffen |
| Organische chloorderivaten: | gespecialiseerde tussenproducten voor gewasbeschermingsmiddelen |
| Organische compost: | meststoffen, bodemverbeteraars |
| Kaliumsulfaat: | gespecialiseerde meststoffen die bijzonder geschikt zijn voor groenten, fruit en bloemen en irrigatiebemesting |
| Zwavelzuur: | meststoffen, gewasbeschermingsmiddelen |
| Triazone (stikstofmeststof met langzame afgifte): |
gespecialiseerde en grootschalige teelten |
Bouwnijverheid
| Kunststofproducten en pvc-compounds: | Kunststof leidingsystemen, systemen voor stormwaterbeheer, deur- en raamprofi elen, afsluitingen en hekwerk, binnenafwer king, veranda's, dakranden, rolluiken, verstevigingselementen in composietmateriaal, gevelbekleding, lambrisering, rolluiksys temen en diafragmalamellen, kabelhulzen en dakplaten. |
|---|---|
| Thermoplastische elastomeren (TPE) en zachte materialen: |
Dichtingen voor ramen, deuren en systemen voor waterafvoer, vloertegels, liner voor daken, verkeerskegels, isolatie voor hoekbescherming en kabelbekleding (in de openbare sector), olie-extractie |
Gezondheid en hygiëne
| Actieve farmaceutische ingrediënten: | geneesmiddelen | |
|---|---|---|
| Dierlijke vetten: | detergenten, zepen, cosmetica | |
| Calciumthiosulfaat: | (afval)waterbehandeling | |
| Natron- en kaliumloog: | detergenten, zepen, cosmetica, ontstoppingsmiddelen, waterbehandeling |
|
| Gelatine: | capsules voor onder meer geneesmiddelen, huidcrème, behandeling van wonden en dieetsupplementen |
|
| Organische chloorderivaten: | diverse farmaceutische producten voor mensen, planten en dieren |
|
| Farmaceutische tussenproducten: | een breed gamma van geneesmiddelen |
|---|---|
| Natriumhypochloriet: | handzepen, waterbehandeling, bleken |
| Huishouden | |
| Dierlijke vetten: | petfood |
| Natronloog: | detergenten, voedingssupplementen zoals zoetstoffen en aroma's |
| Collageenhydrolysaten: | sportrepen en -dranken, voedingssupplementen voor gewrichten, beenderen, huid, haar en nagels, dieetvoeding en -dranken |
| Gedehydrateerde proteïnen van dierlijke oorsprong: |
petfood |
| Voederfosfaten: | petfood |
| Gelatine: | voedingssupplementen, voedingsmiddelen zoals melkproduc ten en lightproducten, snoepgoed, energierepen en -drankjes |
| Thermoplastische elastomeren (TPE) en zachte materialen: |
dichtingen en pakkingen van koelkasten en wasmachines, hand grepen van tandenborstels, scheerapparaten, instrumenten, regenlaarzen en zolen voor vrijetijdsschoenen |
Industrie
| Acetaten: | antivriesproducten voor bijvoorbeeld landingsbanen |
|---|---|
| Dierlijke vetten: | biodiesel, lipochemie, groene energie |
| Kaliloog: | Kaliumchemicaliën, zachte zeep, biodiesel, alkalinebatterijen, de-icingvloeistoffen, olie- en gasboringen |
| Natronloog: | aluminium, rayon, papier, pulp, textiel, verwijdering van restgassen uit verbrandingsovens |
| Gedehydrateerde proteïnen van dierlijke oorsprong: |
groene energie/biobrandstof |
| Ijzerchloride: | waterbehandeling |
| Gelatine: | fotopapier en -fi lm, paintballcapsules, galvaniseren |
| Zoutzuur: | beitsen van staal, voeding, waterzuivering |
| Mono-ammoniumfosfaat: | brandblusapparaten, brandvertragers |
| Organische chloorderivaten: | verf, fotografi e, coatings |
| Kunststoffen en pvc-compounds: | verkeerskegels, meubilair, behuizingen voor waterzuiveringsinstallaties |
| Kaliumsulfaat: | gipsplaten |
| Zwavelzuur: | batterijen, productie van nylon, uitlogen van erts, waterbehan deling, biologisch afbreekbaar plastiek, autoruiten, biljartballen |
| Zwavelderivaten: | leerlooierijen, uitlogen van erts |
| Thermoplastische elastomeren (TPE) en zachte materialen: |
auto-industrie: zachte huiden voor dashboards en interieurop pervlakken, deksels voor stuurwielen en airbags, dichtingsyste men voor beglazing, isolatie en omhulsels voor speciale kabels |
Financiële woordenlijst
Bedrijfskapitaal
Voorraden en handels- en overige vorderingen minus handels- en overige schulden.
EBIT
Bedrijfswinst (+) / verlies (-).
EBITDA
Bedrijfswinst (+) / verlies (-) plus afschrijvingen, bijzondere waardeverminderingen en voorzieningen.
Dividend per aandeel (bruto)
Totaal uitbetaald dividend gedeeld door het aantal aandelen uitgegeven op afsluitingsdatum.
Gearing
Netto fi nanciële schuld gedeeld door de som van de netto fi nanciële schuld en het eigen vermogen toerekenbaar aan aandeelhouders van de vennootschap.
Gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen
Aantal aandelen uitstaand bij het begin van de periode, aangepast voor het aantal geannuleerde, wederingekochte of uitgegeven aandelen gedurende periode vermenigvuldigd met een tijdscorrigerende factor.
Gewone winst (+) / verlies (-) per aandeel (Gewone EPS)
Winst (+) / verlies (-) toerekenbaar aan aandeelhouders van de vennootschap gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.
Ingezet kapitaal (Capital employed - CE)
De netto boekwaarde van materiële vaste activa, overige immateriële activa en goodwill samen met het bedrijfskapitaal.
Interestdekking
Winst (+) / verlies (-) plus belastingen op het resultaat en interestkosten, gedeeld door de interestkosten.
Marktkapitalisatie
Aantal uitgegeven aandelen (op het einde van de periode) vermenigvuldigd met de marktprijs per aandeel (op het einde van de periode).
Nettocashflow
Winst (+) / verlies (-) en alle niet cashfl ow bestanddelen in de resultatenrekening (voorzieningen, afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen).
Netto financiële schuld
Financiële schulden op lange en korte termijn minus geldmiddelen en kasequivalenten.
Niet-recurrente opbrengsten/(kosten)
Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan herstructurering, bijzondere waardeverminderingen, geschillen en overige opbrengsten en kosten, die niet regelmatig voorkomen en niet gerelateerd zijn aan de gewone activiteiten van de groep.
Pay out ratio
Brutodividend gedeeld door de winst toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap.
REBIT
Bedrijfswinst (+) / verlies (-) voor niet-recurrente opbrengsten/ (kosten).
REBITDA
Bedrijfswinst (+) / verlies (-) voor niet-recurrente opbrengsten/ (kosten) plus afschrijvingen, bijzondere waardeverminderingen en voorzieningen.
Rendement op ingezet kapitaal (ROCE)
Rebit gedeeld door ingezet kapitaal (capital employed).
Rendement op het eigen vermogen (ROE)
Winst (+) / verlies (-) gedeeld door het gemiddelde eigen vermogen toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap.
Theoretische geaggregeerde gewogen gemiddelde belastingstarief
Dit wordt berekend door het statutair belastingtarief van elk land toe te passen op de winst voor belastingen van elke entiteit en de door de op die manier bekomen belastingskost te delen door de totale winst voor belastingen van de groep.
Verwaterd gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen, aangepast voor het aantal uitgegeven warranten.
Verwaterde winst (+) / verlies (-) per aandeel (Verwaterde EPS)
Winst (+) / verlies (-) toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap gedeeld door het volledig verwaterd gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen.
UITGEVER
Philip Ludwig
Investor Relations Tessenderlo Group Troonstraat 130 B-1050 Brussel België
Concept & Pre-press
Comfi www.comfi.be
The annual report is also available in English. Le rapport annuel est également disponible en français.
Het jaarverslag (in Nederlands, Engels, Frans) kan worden geraadpleegd op onze website: www.tessenderlogroup.com
TESSENDERLO CHEMIE NV
Sociale zetel en Administratieve zetel Troonstraat 130 B-1050 Brussel België Te l. +32 2 639 18 11 Fax +32 2 639 19 99 BTW BE 0 412 101 728 RPR Brussel
Website: www.tessenderlogroup.com
MANTRAS
1
ONZE PLANEET IS DE BELANGRIJKSTE STAKEHOLDER VAN TESSENDERLO GROUP
2
DUURZAAM PRODUCEREN BETEKENT ELKE MOLECULE MAXIMAAL HERGEBRUIKEN
3
AFVAL KAN MAAR BESTAAN WANNEER ER EEN GEBREK IS AAN INNOVATIE EN CREATIVITEIT
4
RESPECTVOL OMGAAN MET WATER IS EEN BUSINESSMODEL
5
INNOVATIE IS DE ENIGE MANIER OM TOEKOMSTIGE GENERATIES VAN VOEDSEL TE VOORZIEN
6
TRANSPARANTIE IS HET STERKSTE FUNDAMENT VOOR EEN DUURZAME ONDERNEMING
7
ONZE VEILIGHEIDS- EN MILIEUNORMEN ZIJN DEZELFDE OVER HEEL DE WERELD, OMDAT ELKE MENS EVEN WAARDEVOL IS
8
ENKEL EEN DUURZAME ONDERNEMING KAN BIJDRAGEN TOT EEN DUURZAME TOEKOMST
Meer weten: www.tessenderlo.com/ a_sustainable_future/manifest/index.html
> SCAN DEZE CODE