AI assistant
Proximus SA — Annual Report 2010
Mar 18, 2011
3989_rns_2011-03-18_318552ad-dfe8-46ca-bf13-81c1c66fd522.pdf
Annual Report
Open in viewerOpens in your device viewer
Geconsolideerde jaarrekening
Opgesteld in overeenstemming met de internationale financiële rapporteringsnormen (IFRS) voor elk van de twee jaren eindigend op 31 december 2010 en 2009
| Geconsolideerde jaarrekening | 1 |
|---|---|
| Opgesteld in overeenstemming met de internationale financiële rapporteringsnormen (IFRS) voor elk van de twee jaren eindigend op 31 december 2010 en 2009 |
1 |
| Geconsolideerde resultatenrekening Geconsolideerde staat van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten |
2 2 |
| Geconsolideerde balans | 3 |
| Geconsolideerd kasstroomoverzicht | 4 |
| Mutatieoverzicht van het geconsolideerd eigen vermogen | 5 |
| Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening | 6 |
| Toelichting 1. Informatie betreffende de onderneming | 6 |
| Toelichting 2. Belangrijkste opname- en waarderingsregels | 6 |
| Toelichting 3. Goodwill | 14 |
| Toelichting 4. Immateriële vaste activa met bepaalde gebruiksduur | 15 |
| Toelichting 5. Materiële vaste activa | 16 |
| Toelichting 6. Deelnemingen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde | |
| ondernemingen | 17 |
| Toelichting 7. Andere deelnemingen | 22 |
| Toelichting 8. Winstbelasting | 22 |
| Toelichting 9. Activa en schulden voor pensioenen, andere vergoedingen na uitdiensttreding en | |
| beëindigingsvoordelen. | 24 |
| Toelichting 11. Handelsvorderingen | 27 |
| Toelichting 12. Andere vlottende activa | 28 |
| Toelichting 13. Beleggingen Toelichting 14. Geldmiddelen en kasequivalenten |
28 29 |
| Toelichting 15. Vermogen | 29 |
| Toelichting 16. Rentedragende schulden | 30 |
| Toelichting 17. Voorzieningen | 31 |
| Toelichting 18. Andere langetermijnschulden | 31 |
| Toelichting 19. Andere kortetermijnschulden | 31 |
| Toelichting 20. Netto omzet | 32 |
| Toelichting 21. Andere bedrijfsopbrengsten | 32 |
| Toelichting 22. Niet-recurrente opbrengsten | 32 |
| Toelichting 23. Kosten van aan omzet gerelateerde materialen en diensten | 32 |
| Toelichting 24. Personeelskosten en pensioenen | 32 |
| Toelichting 25. Andere bedrijfskosten | 33 |
| Toelichting 26. Niet-recurrente kosten | 33 |
| Toelichting 27. Afschrijvingen | 33 |
| Toelichting 28. Netto financiële opbrengsten/(kosten) | 34 |
| Toelichting 29. Winst per aandeel | 34 |
| Toelichting 30. Betaalde en voorgestelde dividenden | 35 |
| Toelichting 31. Bijkomende toelichtingen inzake financiële instrumenten | 35 |
| Toelichting 32. Informatie over verbonden partijen | 41 |
| Toelichting 33. Rechten, verbintenissen en voorwaardelijke verplichtingen | 42 |
| Toelichting 34. Cross border lease-overeenkomsten | 45 |
| Toelichting 35. Op aandelen gebaseerde betalingen | 45 |
| Toelichting 36. Relatie met de bedrijfsrevisor | 47 |
| Toelichting 37. Segmentinformatie | 47 |
| Toelichting 38. Recent gepubliceerde IFRS-normen | 48 |
| Toelichting 39. Gebeurtenissen na balansdatum | 49 |
Geconsolideerde resultatenrekening
| Boekjaar afgesloten op 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| Netto omzet | 2 0 |
5.922 | 6.552 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 2 1 |
6 8 |
5 1 |
| Niet-recurrente opbrengsten | 2 2 |
7 4 |
436 |
| Totale opbrengsten | 6.065 | 7.040 | |
| Kosten van aan omzetgerelateerde materialen en diensten | 2 3 |
-2.087 | -2.642 |
| Personeelskosten en pensioenen | 2 4 |
-1.108 | -1.107 |
| Andere bedrijfskosten | 2 5 |
-840 | -870 |
| Niet-recurrente kosten | 2 6 |
-62 | 8 |
| Totale bedrijfskosten vóór afschrijvingen | -4.097 | -4.612 | |
| Bedrijfswinst vóór afschrijvingen | 1.967 | 2.428 | |
| Afschrijvingen | 2 7 |
-706 | -809 |
| Bedrijfswinst | 1.261 | 1.619 | |
| Financiële opbrengsten | 2 6 |
2 1 |
|
| Financiële kosten | -143 | -123 | |
| Netto financiële kosten | 2 8 |
-117 | -102 |
| Winst vóór belastingen | 1.144 | 1.517 | |
| Belastingen | 8 | -241 | -233 |
| Nettowinst | 904 | 1.283 | |
| Minderheidsbelangen | 1 5 |
-1 | 1 7 |
| Nettowinst ( aandeel van de groep) | 904 | 1.266 | |
| Gewone winst per aandeel (in EUR) | 2 9 |
2,82 EUR | 3,94 EUR |
| Verwaterde winst per aandeel (in EUR) | 2 9 |
2,82 EUR | 3,94 EUR |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen | 2 9 |
320.475.553 | 321.138.048 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen voor verwaterde winst per aandeel | 2 9 |
320.686.600 | 321.712.030 |
Geconsolideerde staat van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||||
|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | ||
| Nettowinst | 904 | 1.283 | ||
| Niet-gerealiseerde resultaten: Voor verkoop beschikbare financiële activa: |
||||
| Winst/(verlies) uit herwaardering onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen Overdracht naar resultatenrekening bij verkoop |
1 0 |
0 -5 |
||
| Wisselkoersverschillen uit omrekening van buitenlandse activiteiten Niet-gerealiseerde resultaten na belastingen |
1 1 |
0 - 5 |
||
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | 905 | 1.278 | ||
| Toe te rekenen aan: | ||||
| Aandeelhouders van de moedermaatschappij Minderheidsbelangen |
906 -1 |
1.262 1 7 |
||
Geconsolideerde balans
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| ACTIVA | |||
| VASTE ACTIVA | 5.505 | 6.185 | |
| Goodwill | 3 | 2.088 | 2.337 |
| Immateriële vaste activa met beperkte levensduur | 4 | 623 | 1.190 |
| Materiële vaste activa | 5 | 2.420 | 2.348 |
| Geassocieerde ondernemingen | 6 | 2 | 2 |
| Andere deelnemingen | 7 | 1 | 2 6 |
| Uitgestelde belastingvorderingen Pensioenactiva |
8 9 |
295 2 |
158 2 |
| Andere vaste activa | 1 0 |
7 5 |
122 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 1.945 | 2.326 | |
| Voorraden | 8 6 |
114 | |
| Handelsvorderingen | 1 1 |
1.089 | 1.246 |
| Terug te vorderen belastingen | 8 | 169 | 198 |
| Andere vlottende activa | 1 2 |
194 | 142 |
| Beleggingen | 1 3 |
7 6 |
4 3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 1 4 |
332 | 584 |
| TOTAAL ACTIVA | 7.450 | 8.511 | |
| PASSIVA | |||
| EIGEN VERMOGEN | 1 5 |
2.528 | 3.342 |
| Eigen vermogen (aandeel van de groep) | 1 5 |
2.521 | 3.108 |
| Geplaatst kapitaal | 1.000 | 1.000 | |
| Eigen aandelen | -509 | -484 | |
| Wettelijke reserves | 100 | 100 | |
| Afdekkings-en herwaarderingsreserves | 5 | 0 | |
| Vergoedingen in aandelen | 1 0 |
1 1 |
|
| Overgedragen winsten | 1.911 | 2.476 | |
| Omrekeningsverschillen Minderheidsbelangen |
1 5 |
4 7 |
4 235 |
| LANGETERMIJNSCHULDEN | 3.093 | 2.364 | |
| Rentedragende schulden | 1 6 |
2.128 | 1.406 |
| Schulden voor pensioenen, andere vergoedingen na uitdiensttreding en | |||
| beëindigingsvoordelen | 9 | 677 | 565 |
| Voorzieningen | 1 7 |
199 | 203 |
| Uitgestelde belastingschulden | 8 | 8 6 |
187 |
| Andere langetermijnschulden | 1 8 |
3 | 3 |
| KORTETERMIJNSCHULDEN | 1.830 | 2.804 | |
| Rentedragende schulden | 1 6 |
5 9 |
783 |
| Handelsschulden | 1.123 | 1.304 | |
| Belastingschulden | 8 | 137 | 188 |
| Andere kortetermijnschulden | 1 9 |
511 | 529 |
| TOTAAL PASSIVA | 7.450 | 8.511 |
Geconsolideerd kasstroomoverzicht
| (in miljoen EUR) Toelichting 2009 2010 Kasstroom uit operationele activiteiten Nettowinst ( aandeel van de groep) 904 1.266 Aanpassingen voor: Minderheidsbelangen 1 5 -1 1 7 Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa 4,5 706 809 Stijging van bijzondere waardeverminderingen op immateriële en materiële vaste activa 4,5 3 1 Stijging van voorzieningen 8 2 6 Uitgestelde belastinglasten 8 4 6 7 5 Herwaardering naar de reële waarde van financiële instrumenten 2 1 Winst uit de verkoop van geconsolideerde bedrijven en herwaardering van het 6 -72 -437 voordien aangehouden belang Winst uit de verkoop van materiële vaste activa -3 -3 Andere niet-kasbewegingen 5 1 0 Kasstroom uit operationele activiteiten vóór wijzigingen in het bedrijfskapitaal 1.598 1.766 Daling / (toename) van voorraden 1 4 -27 Daling van handelsvorderingen 6 6 1 Toename van de terug te vorderen belastingen -25 -28 Daling / (toename) van andere vlottende activa -38 5 8 Daling van handelsschulden -55 -2 Toename / (daling) van belastingschulden -27 4 8 Toename / (daling) van andere korte termijnschulden 1 1 -13 Daling van nettoschuld voor pensioenen, andere vergoedingen na uitdiensttreding en beëindigingsvoordelen 9 -97 -113 Daling van andere lange termijnschulden en voorzieningen -40 -23 Toename van het bedrijfskapitaal, netto van aanschaffingen en verkopen van -192 -99 filialen Nettokasstroom uit operationele activiteiten (1) 1.406 1.666 Kasstroom uit investeringsactiviteiten Aankoop van immateriële en materiële vaste activa 3, 4, 5 -597 -734 Geldmiddelen betaald voor aanschaffing van andere deelnemingen 0 -26 Geldmiddelen (betaald) / gekregen voor aanschaffing van dochterondernemingen, 1 5 6 na aftrek van verworven geldmiddelen Geldmiddelen (betaald) / gekregen uit de verkoop van geconsolideerde 6 -22 0 ondernemingen na aftrek van afgestane geldmiddelen Geldmiddelen uit de verkoop van immateriële en materiële vaste activa 2 1 6 Geldmiddelen uit de verkoop andere vaste activa 6 1 Nettokasstroom besteed in investeringsactiviteiten -609 -686 Kasstroom vóór financieringsactiviteiten 797 980 Kasstroom uit financieringsactiviteiten Dividenden uitgekeerd aan aandeelhouders 3 0 -684 -702 Dividenden / kapitaal uitgekeerd aan minderheidsbelangen 1 5 0 -30 Netto verkoop van eigen aandelen 8 2 5 Netto (aankoop) / verkoop van geldbeleggingen -23 2 6 Afname van eigen vermogen (aandeel van de groep) -1 -1 Uitgifte van langetermijnschulden 6 6 Aflossing van langetermijnschulden -304 -4 Aflossing van kortetermijnschulden -33 -49 Nettokasstroom besteed in financieringsactiviteiten -1.030 -728 Nettotoename/(afname) van geldmiddelen en kasequivalenten -233 252 Geldmiddelen en kasequivalenten op 1 januari 565 332 Geldmiddelen en kasequivalenten op 31 december 1 4 332 584 (1) Nettokasstroom uit operationele activiteiten bevat de volgende kasbewegingen : Betaalde intresten -103 -93 Ontvangen intresten 1 0 5 Betaalde belastingen -221 -139 |
Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|---|
Mutatieoverzicht van het geconsolideerd eigen vermogen
| (in miljoen EUR) | Geplaatst kapitaal |
Eigen aan delen |
Wette lijke reser ves |
Afdek kings- en herwaar derings reserves |
Omreken ingsver schillen |
Vergoe dingen in aandelen |
Overge dragen winsten |
Totaal eigen vermogen (aandeel van de groep) |
Minder heids belangen |
Totaal eigen ver- mogen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Saldo op 1 januari 2009 | 1.000 | -517 | 100 | 4 | 3 | 6 | 1.675 | 2.271 | 5 | 2.276 |
| Herwaardering aan reële waarde van "voor verkoop beschikbare | ||||||||||
| financiële activa" | 0 | 0 | 0 | 1 | 0 | 0 | 0 | 1 | 0 | 1 |
| Wisselkoersverschillen Wijzigingen in het eigen vermogen niet opgenomen in de |
0 | 0 | 0 | 0 | 1 | 0 | 0 | 1 | 0 | 1 |
| resultatenrekening | 0 | 0 | 0 | 1 | 1 | 0 | 0 | 1 | 0 | 1 |
| Nettowinst Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten |
0 0 |
0 0 |
0 0 |
0 1 |
0 1 |
0 0 |
904 904 |
904 906 |
-1 - 1 |
904 905 |
| Dividenden aan aandeelhouders (m.b.t. 2008) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -538 | -538 | 0 | -538 |
| Interim dividenden aan aandeelhouders (m.b.t. 2009) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -128 | -128 | 0 | -128 |
| Minderheidsbelangen vanuit een bedrijfscombinatie | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 3 | 3 |
| Eigen aandelen Uitoefening van opties op aandelen |
0 0 |
2 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 2 | 0 | 2 |
| Verkoop van eigen aandelen onder een aandelenaankoopplan | ||||||||||
| met korting | 0 | 6 | 0 | 0 | 0 | 0 | -1 | 5 | 0 | 5 |
| Opties op aandelen | ||||||||||
| Toegekende en aanvaarde opties op aandelen Uitgestelde vergoedingen in aandelen |
0 0 |
0 0 |
0 0 |
0 0 |
0 0 |
4 -4 |
0 0 |
4 - 4 |
0 0 |
4 - 4 |
| In resultaatname van uitgestelde vergoedingen in aandelen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 4 | 0 | 4 | 0 | 4 |
| Totaal transacties met aandeelhouders en minderheidsbelangen | 0 | 8 | 0 | 0 | 0 | 3 | -668 | -656 | 3 | -653 |
| Saldo op 31 december 2009 | 1.000 | -509 | 100 | 5 | 4 | 1 0 |
1.911 | 2.521 | 7 | 2.528 |
| Herwaardering aan reële waarde van "voor verkoop beschikbare financiële activa" |
0 | 0 | 0 | -5 | 0 | 0 | 0 | - 5 |
0 | - 5 |
| Wijzigingen in het eigen vermogen niet opgenomen in de resultatenrekening |
0 | 0 | 0 | -5 | 0 | 0 | 0 | - 5 |
0 | - 5 |
| Nettowinst | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1.266 | 1.266 | 1 7 |
1.283 |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | 0 | 0 | 0 | - 5 |
0 | 0 | 1.266 | 1.262 | 1 7 |
1.278 |
| Dividenden aan aandeelhouders (m.b.t. 2009) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -539 | -539 | 0 | -539 |
| Interim dividenden aan aandeelhouders (m.b.t. 2010) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -161 | -161 | 0 | -161 |
| Dividenden van dochterondernemingen aan minderheidsbelangen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -9 | - 9 |
| Minderheidsbelangen vanuit een bedrijfscombinatie Eigen aandelen |
0 0 |
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 220 | 220 |
| Uitoefening van opties op aandelen | 0 | 1 7 |
0 | 0 | 0 | 0 | -2 | 1 5 |
0 | 1 5 |
| Verkoop van eigen aandelen onder een aandelenaankoopplan | 0 | 9 | 0 | 0 | 0 | 0 | -1 | 7 | 0 | 7 |
| met korting Opties op aandelen |
||||||||||
| Toegekende en aanvaarde opties op aandelen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 3 | 0 | 3 | 0 | 3 |
| Uitgestelde vergoedingen in aandelen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -3 | 0 | - 3 |
0 | - 3 |
| In resultaatname van uitgestelde vergoedingen in aandelen Uitoefening van opties op aandelen |
0 0 |
0 0 |
0 0 |
0 0 |
0 0 |
3 -2 |
0 2 |
3 0 |
0 0 |
3 0 |
| Totaal transacties met aandeelhouders en minderheidsbelangen | 0 | 2 5 |
0 | 0 | 0 | 1 | -701 | -675 | 211 | -464 |
| Saldo op 31 december 2010 | 1.000 | -484 | 100 | 0 | 4 | 1 1 |
2.476 | 3.108 | 235 | 3.342 |
Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening
Toelichting 1. Informatie betreffende de onderneming
De geconsolideerde jaarrekening per 31 december 2010 werd goedgekeurd voor publicatie door de Raad van Bestuur van 24 februari 2011. Ze omvat de jaarrekening van Belgacom NV, haar dochterondernemingen en joint ventures (hierna "de Groep" genoemd), evenals het aandeel van de Groep in de resultaten van geassocieerde ondernemingen.
Belgacom NV is een Naamloze Vennootschap van Publiek Recht die in België is geïncorporeerd. De omvorming van Belgacom van een Autonoom Overheidsbedrijf naar een Naamloze Vennootschap van Publiek Recht werd doorgevoerd bij koninklijk besluit van 16 december 1994. De zetel van Belgacom NV is gevestigd in de Koning Albert-II-laan 27 te 1030 Brussel, België.
Met ingang van 1 januari 2008 sturen de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer en het Belgacom Management Committee de activiteiten van de Belgacom Groep aan volgens de nieuwe klantgeoriënteerde organisatie die gestructureerd is rond de volgende vijf rapporteerbare bedrijfssegmenten:
- De Consumer Business Unit (CBU) verkoopt spraakproducten en -diensten, internet en televisie, zowel op vaste als mobiele netwerken, aan residentiële klanten, vooral op de Belgische markt.
- De Enterprise Business Unit (EBU) verkoopt ICT-diensten en -producten aan professionele klanten, hetzij zelfstandigen, kleine firma's of grote ondernemingen. Deze ICT-oplossingen, waaronder telefoondiensten, worden vooral gecommercialiseerd onder de merknamen Belgacom, Proximus en Telindus, zowel op de Belgische als de internationale markten.
- De Service Delivery Engine & Wholesale (SDE&W) centraliseert alle netwerk- en IT-diensten en -kosten (uitgezonderd kosten verbonden aan de klantenactiviteiten en aan de levering van ICT-oplossingen), levert diensten aan CBU en EBU en verkoopt deze diensten aan andere telecom- en kabeloperatoren.
- International Carrier Services is verantwoordelijk voor de internationale carrieractiviteiten.
- Staff and Support (S&S) groepeert alle horizontale functies (human resources, finance, legal, strategy and corporate communication), internal services en real estate, die de activiteiten van de Groep ondersteunen.
Verdere informatie in verband met de operationele segmenten is te vinden in toelichting 37.
Het aantal medewerkers van de Groep (in voltijdse equivalenten) bedroeg 16.308 op 31 december 2010, tegenover 16.804 op 31 december 2009. Voor 2010 bestond het gemiddelde aantal personeelsleden van de Groep uit 151 kaderpersoneel, 14.702 bedienden en 2.113 arbeiders. Voor 2009 bestond het gemiddelde aantal personeelsleden van de Groep uit 139 kaderpersoneel, 15.221 bedienden en 2.297 arbeiders.
Toelichting 2. Belangrijkste opname- en waarderingsregels
Voorbereidingsbasis
De bijgevoegde geconsolideerde jaarrekening per 31 december 2010 werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS") zoals goedgekeurd voor toepassing binnen de Europese Unie. De Groep opteerde niet voor een vervroegde toepassing van enige IASB-normen of interpretaties.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld op basis van de historische kostprijsmethode, behalve voor de waardering tegen reële waarde van derivaten en "voor verkoop beschikbare" financiële activa. De boekwaarden van de activa en passiva die ingedekt zijn d.m.v. reële-waardehedges ("fair-value hedges") worden aangepast teneinde de wijziging in reële waarde op te nemen die toewijsbaar is aan de afgedekte risico"s.
Wijzigingen in opname- en waarderingsregels
De toegepaste opname- en waarderingsregels zijn consistent met deze van vorige boekjaren behalve voor wat betreft de toepassing door de Groep van de nieuwe of herziene IFRS-normen of interpretaties zoals goedgekeurd voor toepassing door de Europese Unie en die verplicht zijn vanaf 1 januari 2010, met name:
- Herziene IFRS 3 ("Bedrijfscombinaties"),
- Wijzigingen aan IAS 27 ("De geconsolideerde jaarrekening en enkelvoudige jaarrekening"), aan IFRS 2 ("Op aandelen gebaseerde betalingen") en aan IAS 39 ("Financiële Instrumenten: Opname en waardering – Instrumenten die in aanmerking komen voor afdekking"),
- IFRIC 17 ("Uitkering van activa in natura aan eigenaars"), IFRIC 12 ("Dienstverlening uit hoofde van concessieovereenkomsten"), IFRIC 15 ("Overeenkomsten voor de constructie van vastgoed"), IFRIC 16 ("Afdekking van investeringen in buitenlandse activiteiten"), IFRIC 18 (Overdracht van activa van klanten") en
- Verbeteringen aan IFRS normen uitgegeven in 2008 en 2009.
De eerste toepassing van deze nieuwe normen en interpretaties had geen effect op de jaarrekening van de Groep, uitgezonderd voor de toepassing van de herziene IFRS 3 "Bedrijfscombinaties" welke een herwaardering naar de reële waarde vereiste van het voordien aangehouden belang in Belgacom International Carrier Services NV (BICS) op datum van verwerving van zeggenschap ("control") alsook bijkomende toelichtingen oplegde (zie toelichting 6.4).
Consolidatiebasis
In toelichting 6 is de lijst opgenomen van de dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen.
Dochterondernemingen zijn entiteiten waarover de Groep zeggenschap heeft. Er bestaat zeggenschap wanneer Belgacom de macht heeft om het financiële en operationele beleid van een onderneming te sturen teneinde voordelen uit haar activiteiten te verwerven. De deelnemingen in dochterondernemingen worden geconsolideerd vanaf de dag waarop zeggenschap wordt overgedragen aan de Groep en worden niet meer geconsolideerd vanaf de dag waarop zeggenschap door de Groep wordt overgedragen. Intragroepsbalansen en –verrichtingen en bijhorende niet-gerealiseerde winsten of verliezen tussen ondernemingen van de Groep worden geëlimineerd. Indien nodig worden de opname- en waarderingsregels van de dochterondernemingen aangepast om ervoor te zorgen dat de geconsolideerde jaarrekening opgemaakt wordt volgens uniforme grondslagen.
Ondernemingen waarover gezamenlijk zeggenschap wordt uitgeoefend (gedefinieerd als de entiteiten waarover de Groep gezamenlijke zeggenschap heeft via een contractuele overeenkomst waarbij een unanieme toestemming van de partijen die zeggenschap delen vereist is) zijn opgenomen op basis van de proportionele consolidatiemethode, vanaf de datum waarop gezamenlijke zeggenschap uitgeoefend wordt tot de datum waarop de Groep stopt gezamenlijke zeggenschap uit te oefenen. Het aandeel van de Groep in activa, passiva, kosten, opbrengsten en kasstroom van de joint ventures worden lijn per lijn samengevoegd met gelijkaardige posten in de geconsolideerde jaarrekening. Het proportionele aandeel van de Groep in de intragroepsbalansen en –verrichtingen en de resulterende niet-gerealiseerde winsten of verliezen tussen ondernemingen van de Groep en de entiteiten waarover gezamelijk zeggenschap wordt uitgeoefend, worden geëlimineerd in consolidatie.
Geassocieerde ondernemingen waarop de Groep een invloed van betekenis heeft, meer bepaald ondernemingen waarin Belgacom de macht heeft om deel te nemen (geen zeggenschap) aan de financiële en operationele beleidsbeslissingen van de deelneming, worden opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode. Volgens die methode worden de investeringen in geassocieerde deelnemingen aanvankelijk opgenomen tegen kostprijs en wordt de boekwaarde vervolgens aangepast om het aandeel van de Groep in de winst of het verlies van de geassocieerde deelneming op te nemen, en dit vanaf de aanschaffingsdatum. Deze investeringen en het vermogensaandeel van de resultaten voor de periode zijn respectievelijk weergegeven in de balans en de resultatenrekening als deelnemingen in geassocieerde ondernemingen en als aandeel in de resultaten van geassocieerde ondernemingen.
Dochterondernemingen en joint-ventures gekocht en aangehouden enkel en alleen om ze binnen de twaalf maanden af te stoten worden geconsolideerd en gepresenteerd in de balans als activa en passiva aangehouden voor verkoop.
Beoordelingen en schattingen
Bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening dient het management beoordelingen en schattingen te maken die een effect hebben op de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Beoordelingen en schattingen die gemaakt worden op elke rapporteringsdatum weerspiegelen de omstandigheden die bestonden op die datum (zoals marktprijs, intrestvoeten en wisselkoersen). Hoewel management deze schattingen baseert op haar beste kennis van de huidige gebeurtenissen en van de acties die de Groep zou kunnen ondernemen, kunnen werkelijke resultaten afwijken van deze schattingen.
Cross-border lease-overeenkomsten
De Groep heeft een verplichting in een cross-border lease-overeenkomst met buitenlandse investeerders. De Groep heeft besloten dat deze overeenkomsten in het licht van hun economische realiteit geen lease omvatten en dat de eraan verbonden schulden en deposito"s niet moeten worden erkend in de jaarrekening, omdat ze niet beantwoorden aan de definitie van een actief of een passief volgens IFRS. Meer inlichtingen worden in toelichting 34 gegeven.
Claims en voorwaardelijke verplichtingen
Voor claims en voorwaardelijke verplichtingen is beoordeling vereist ten aanzien van het bestaan van een verplichting die het gevolg is van een gebeurtenis uit het verleden, het bepalen van de waarschijnlijkheid van een economische uitstroom, en van het kwantificeren van deze waarschijnlijke uitstroom van economische middelen
Deze inschatting wordt herzien wanneer nieuwe informatie beschikbaar is en met behulp van advies van externe experten.
Realiseerbare waarde van kasstroomgenererende eenheden met goodwill
In toelichting 3 worden de belangrijkste veronderstellingen besproken die gebruikt zijn, bij het testen op bijzondere waardeverminderingen, voor het bepalen van de realiseerbare waarde van de kasstroomgenererende eenheden met goodwill.
Actuariële veronderstellingen betreffende de waardering van de verplichtingen voor personeelsbeloningen en fondsbeleggingen
De Groep heeft verschillende personeelsbeloningsplannen zoals pensioenplannen, andere plannen na uitdiensttreding en beëindigingsvoordelen.
In toelichting 9 (Activa en schulden voor pensioenen, andere vergoedingen na uitdiensttreding en beëindigingsvoordelen) worden de belangrijkste veronderstellingen besproken die gebruikt zijn bij de waardering van de verplichting, de fondsbeleggingen en de nettokost over de periode.
Verwerving van zeggenschap over BICS op 1 januari 2010
De aandeelhoudersovereenkomst van BICS voorziet in nieuwe besluitvormingsregels en een "deadlock" procedure die van kracht zijn vanaf 1 januari 2010 en die de Groep doen besluiten dat hij zeggenschap heeft over BICS vanaf die datum. Als gevolg hiervan en in toepassing van de herziene IFRS 3 wordt BICS via de integrale methode geconsolideerd vanaf 1 januari 2010 en is het voordien aangehouden belang geherwaardeerd naar reële waarde.
De Groep heeft de waarde van dit belang geschat op 564 miljoen EUR, gebruikmakend van waarderingsmethodes zoals geactualiseerde kasstromen met eindwaarde.
Omrekening van vreemde valuta
Transacties in vreemde valuta
De presentatievaluta voor de Groep is de euro. Transacties in vreemde valuta worden bij initiële opname omgerekend aan de wisselkoers die geldt op de transactiedatum. Monetaire activa en passiva uitgedrukt in vreemde munt worden op balansdatum in de functionele valuta van de entiteit omgerekend aan de slotkoers van die dag. Netto wisselkoersverschillen bij de omrekening van monetaire activa en passiva worden in het resultaat opgenomen onder "andere bedrijfskosten" in de periode waarin ze zich voordoen.
Buitenlandse activiteiten
Sommige buitenlandse dochterondernemingen en joint ventures werkzaam in niet euro landen worden beschouwd als buitenlandse activiteiten die integraal deel uitmaken van de activiteiten van de rapporterende onderneming. Hierbij worden de monetaire activa en passiva op balansdatum omgerekend tegen de slotkoers; niet-monetaire activa en passiva worden omgerekend tegen de historische koers, uitgezonderd niet-monetaire activa die in de locale munt aan reële waarde gewaardeerd zijn. Deze laatste worden omgerekend aan de wisselkoers op het moment dat de reële waarde bepaald werd. De opbrengsten en kosten van deze entiteiten worden omgerekend tegen de gemiddelde koers. De resulterende wisselkoersverschillen worden in het resultaat opgenomen onder "andere bedrijfskosten" in de periode waarin ze zich voordoen.
Voor andere buitenlandse dochterondernemingen en joint-ventures werkzaam in niet euro-landen, worden de activa en de passiva op balansdatum omgerekend tegen de slotkoers. De opbrengsten en kosten van deze entiteiten worden omgerekend tegen de gemiddelde koers. De resulterende wisselkoersverschillen worden rechtstreeks in een afzonderlijke component van het eigen vermogen geboekt. Bij de verkoop van dergelijke entiteit wordt het cumulatieve bedrag dat in het eigen vermogen genomen werd en betrekking heeft op deze specifieke buitenlandse operatie in resultaat genomen.
Alle wisselkoersverschillen die voortvloeien uit een monetair element dat deel uitmaakt van de netto investering van de Groep in dergelijke entiteit worden eveneens in dezelfde afzonderlijke component van het eigen vermogen opgenomen.
Goodwill
Goodwill vertegenwoordigt het bedrag waarmee de som van de overgedragen vergoeding, het bedrag van enig minderheidsbelang, en de reële waarde van het voorheen aangehouden aandelenbelang, indien toepasselijk, de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen verworven via bedrijfscombinaties overschrijdt. Wanneer de Groep zeggenschap verwerft, wordt enig voorheen aangehouden belang in de overgenomen partij geherwaardeerd naar reële waarde via de resultatenrekening.
Waneer de netto reële waarde, na herbeoordeling van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen verworven in een bedrijfscombinatie, de som van de overgedragen vergoeding, het bedrag van enig minderheidsbelang, en de reële waarde van het voorheen aangehouden aandelenbelang, wordt deze meerwaarde onmiddellijk erkend in de resultatenrekening als winst uit een "voordelige koop".
Veranderingen in de voorwaardelijke vergoeding die deel uitmaakt van de overgedragen vergoeding worden aangepast ten opzichte van goodwill, indien deze zich voordoen tijdens de voorwaardelijke aankoopprijstoewijzingsperiode en indien ze verband houden met feiten en omstandigheden die bestonden op datum van overname. In de andere gevallen, afhankelijk van het al dan niet classificeren van de voorwaardelijke vergoeding als eigen vermogen of niet, worden de aanpassingen via eigen vermogen of via de resultatenrekening opgenomen.
Aankoopkosten worden in kosten opgenomen en minderheidsbelangen worden berekend op overnamedatum, ofwel aan hun reële waarde, ofwel aan hun proportioneel deel in de identificeerbare activa en schulden van de overgenomen partij, en dit op een transactie-per-transactie basis.
Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs en wordt niet afgeschreven maar jaarlijks getest op bijzondere waardeverminderingen op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid alsook telkens wanneer er een aanwijzing is dat de kasstroomgenererende eenheid aan dewelke de goodwill werd toegewezen een bijzondere waardevermindering zou kunnen hebben ondergaan.
Immateriële vaste activa met bepaalde gebruiksduur
De immateriële vaste activa bestaan hoofdzakelijk uit de Global System for Mobile Communications ("GSM")-licentie, de Universal Mobile Telecommunications Systems ("UMTS")-licentie, merknamen en klantenbestanden verworven via bedrijfscombinaties, intern ontwikkelde software en andere immateriële vaste activa zoals voetbalrechten, uitzendrechten en extern ontwikkelde software.
De Groep activeert bepaalde uitgaven gemaakt met betrekking tot de ontwikkeling of de aankoop van software voor intern gebruik indien zij identificeerbaar zijn, indien de Groep zeggenschap heeft over de activa en indien de toekomstige economische voordelen waarschijnlijk zijn. De geactiveerde kosten voor software zijn opgenomen als intern gegenereerde en andere immateriële vaste activa en worden afgeschreven over drie tot vijf jaar.
Immateriële vaste activa met een bepaalde gebruiksduur die afzonderlijk zijn verworven worden bij de eerste opname gewaardeerd tegen kostprijs. De kostprijs van immateriële vaste activa verworven bij een bedrijfscombinatie is de reële waarde op overnamedatum.
Immateriële vaste activa met een bepaalde gebruiksduur worden gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De restwaarde van zulke immateriële vaste activa wordt verondersteld nul te zijn. Merknamen en klantenbestanden verworven via bedrijfscombinaties worden lineair afgeschreven over hun geraamde gebruiksduur. GSM en UMTS licenties, andere immateriële vaste activa en intern ontwikkelde activa met bepaalde gebruiksduur worden lineair afgeschreven over hun geraamde gebruiksduur. De afschrijving begint zodra het immaterieel vast actief beschikbaar is voor beoogd gebruik.
De gebruiksduur werd als volgt bepaald:
Gebruiksduur (jaren)
GSM, UMTS en andere netwerklicenties volgens licentieduur
3 tot 20
5
Gebruiksrechten, voetbal- en uitzendrechten contractduur
Verworven merknamen en klantenbestanden
De afschrijvingsperiode en de afschrijvingsmethode voor immateriële vaste activa met een bepaalde gebruiksduur wordt minstens bij elke jaarafsluiting herzien. Veranderingen in de voorziene gebruiksduur of in het voorziene patroon van toekomstige economische voordelen die het actief in zich bergt, worden verrekend door de afschrijvingsperiode en afschrijvingsmethode te veranderen. Deze worden behandeld als wijzigingen van de boekhoudkundige schattingen.
Materiële vaste activa
Software
De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kosten voor de uitbreidingen of substantiële verbeteringen van de materiële vaste activa worden geactiveerd. De onderhouds- en herstellingskosten voor materiële vaste activa worden opgenomen in de bedrijfskosten indien ze de gebruiksduur van het actief niet verlengen of wanneer het toekomstig economische nut niet beduidend verhoogd wordt.
De kostprijs van materiële vaste activa bevat de kosten voor hun ontmanteling, verwijdering en herstelling, wanneer de Groep daarvoor een verplichting heeft ten gevolge van de installatie van het actief.
Een element dat tot de materiële vaste activa hoort wordt niet langer gewaardeerd op de balans bij verkoop of wanneer er geen economische voordelen meer voorzien worden uit zijn gebruik of verkoop. Een eventuele winst of verlies voortvloeiend uit het niet meer opnemen van het actief (berekend als het verschil tussen de geschatte netto opbrengst en de boekwaarde van het actief) wordt opgenomen in de resultatenrekening van het jaar waarin het actief niet meer opgenomen wordt.
De afschrijving van een actief start zodra het klaar is voor zijn beoogd gebruik. De afschrijvingen worden lineair berekend over de geraamde gebruiksduur van het actief.
De gebruiksduur wordt als volgt bepaald:
| Gebruiksduur (jaren) | |
|---|---|
| Terreinen en gebouwen | |
| Terreinen | onbeperkt |
| Gebouwen en uitrustingen in gebouwen | 22 tot 33 |
| Faciliteiten in gebouwen | 3 tot 10 |
| Werken in gehuurde gebouwen en reclameuitrustingen | 3 tot 10 |
| Technische en netwerkuitrustingen | |
| Kabels en buizen | 15 tot 20 |
| Centrales | 8 tot 10 |
| Transmissie | 6 tot 8 |
| Radio toegang netwerk | 6 tot 7 |
| Mobiele sites en uitrusting voor faciliteiten in sites | 5 tot 10 |
| Uitrustingen geïnstalleerd in de gebouwen van de klant | 2 tot 8 |
| Data en andere netwerkuitrustingen | 2 tot 15 |
| Meubelen en voertuigen | |
| Meubelen en kantooruitrusting | 3 tot 10 |
Voertuigen 5 tot 10
De restwaarden, gebruiksduur en afschrijvingsmethoden van activa worden bij iedere jaarafsluiting herzien en aangepast indien nodig.
Kosten van verkochte materialen, personeelskosten en andere bedrijfskosten worden weergegeven in de resultatenrekening na aftrek van de werkzaamheden uitgevoerd en geactiveerd door de onderneming voor de uitbouw van materiële vaste activa. Financieringskosten worden geactiveerd indien zij rechtstreeks toe te rekenen zijn aan de verwerving, bouw of produktie van een in aanmerking komend actief.
Bijzondere waardeverminderingen van niet-financiële activa
De Groep onderzoekt op iedere balansdatum of de niet-financiële activa geen tekenen van bijzondere waardevermindering vertonen.
De Groep vergelijkt minstens één keer per jaar de boekwaarde met de geschatte realiseerbare waarde van immateriële vaste activa in aanbouw en kasstroomgenererende eenheden die goodwill omvatten. De Groep voert deze jaarlijkse bijzondere waardeverminderingstest uit tijdens het vierde kwartaal van het jaar.
Indien tekenen van bijzondere waardevermindering aanwezig zijn of wanneer een jaarlijkse waardeverminderingsanalyse voor een actief of een kasstroomgenererende eenheid vereist is, wordt een bijzondere waardevermindering erkend wanneer de boekwaarde van een actief of kasstroomgenererende eenheid de geraamde realiseerbare waarde overschrijdt. De realiseerbare waarde van een actief is de hoogste waarde van de reële waarde van een actief of een kasstroomgenererende eenheid na aftrek van de verkoopskosten en de bedrijfswaarde voor de Groep.
Bij de bepaling van de bedrijfswaarde worden de geschatte toekomstige kasstromen geactualiseerd, waarbij een disconteringsvoet vóór belasting wordt toegepast die rekening houdt met de huidige marktbeoordelingen van de tijdwaarde van geld en de specifieke risico"s van het actief of de kasstroomgenererende eenheid.
Bijzondere waardeverminderingen op goodwill, immateriële vaste activa en materiële vaste activa worden opgenomen in de bedrijfskosten. Op iedere balansdatum wordt beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat een voorheen opgenomen bijzondere waardevermindering niet langer bestaat of is afgenomen. Indien een dergelijke aanwijzing bestaat, wordt de realiseerbare waarde geschat. Een voorheen bijzondere waardevermindering wordt slechts teruggenomen indien er een wijziging is opgetreden in de schattingen die worden gebruikt ter bepaling van de realiseerbare waarde van het actief sinds de laatste bijzondere waardevermindering werd erkend. Indien dit het geval is worden de bijzondere waardeverminderingen op activa andere dan goodwill teruggenomen teneinde de boekwaarde van het actief te verhogen naar de realiseerbare waarde. Dit verhoogde bedrag kan niet hoger zijn dan de boekwaarde die zou zijn bekomen (na aftrek van afschrijvingen) indien in voorgaande jaren geen bijzondere waardevermindering voor het actief zou zijn opgenomen. Deze terugname wordt erkend als bedrijfskosten in de resultatenrekening.
Uitgestelde belastingen
Uitgestelde belastingen worden geboekt voor de tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde van activa en passiva in de geconsolideerde balans en hun respectievelijke belastbare basis.
Uitgestelde belastingvorderingen verbonden aan verrekenbare tijdelijke verschillen en niet-gebruikte overgedragen belastingverliezen worden opgenomen in zoverre het waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst gerealiseerd zal worden waarmee het verrekenbare tijdelijke verschil of de niet-gebruikte belastingverliezen kunnen worden gecompenseerd.
De boekwaarde van de uitgestelde belastingvorderingen wordt bij iedere balansdatum opnieuw beoordeeld en wordt verminderd in die mate dat het niet waarschijnlijk is dat toekomstige belastbare winst zal toelaten de belastingvordering geheel of gedeeltelijk terug te krijgen. Niet erkende belastingvorderingen worden op iedere balansdatum herschat en worden erkend in die mate dat het waarschijnlijk geworden is dat de toekomstige belastbare winst de realisatie van de belastingvordering mogelijk zal maken.
Uitgestelde belastingvorderingen en –schulden worden berekend tegen de aanslagvoeten die naar verwachting zullen worden toegepast in de periode waarin het actief zal worden gerealiseerd of het passief zal worden afgewikkeld; op basis van de aanslagvoeten (en belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces materieel is afgesloten op balansdatum.
Wijzigingen in uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen worden erkend in de resultatenrekening tenzij ze betrekking hebben op elementen die rechtstreeks erkend worden in het eigen vermogen; in dit geval zal de belastingsimpact ook rechtstreeks erkend worden in het eigen vermogen.
Voorzieningen voor belastingen voortkomende uit niet-uitgekeerde ingehouden winsten van bepaalde dochterondernemingen worden enkel aangelegd indien er werd beslist dat dergelijke ingehouden winsten zullen worden uitgekeerd, meer bepaald waneer de dochteronderneming de intentie heeft een dividend uit te keren.
Pensioenen, andere vergoedingen na uitdiensttreding en beëindigingsvoordelen
De Groep heeft verschillende pensioenplannen waarin bijdragen worden gestort via afzonderlijk beheerde fondsen. De Groep is eveneens overeengekomen om bijkomende vergoedingen na uitdiensttreding uit te keren aan bepaalde personeelsleden. De kost voor het verstrekken van de beloningen voorzien in de plannen wordt voor elk plan afzonderlijk bepaald gebruikmakend van de actuariële "Projected Unit Credit"-waarderingsmethode. De actuariële winsten en verliezen worden opgenomen als opbrengsten of kosten indien de gecumuleerde niet-opgenomen winsten of verliezen voor een individueel plan op het einde van het voorgaande boekjaar 10% overschrijden van de contante waarde van de brutoverplichting of van de reële waarde van de fondsbeleggingen in het begin van het jaar, indien die hoger is. Dit overschot wordt erkend over de gemiddelde resterende dienstjaren van de werknemers die deel uitmaken van het individuele plan.
De Groep heeft verschillende aanvullende groepsverzekeringen. Bijdragen worden in de resultatenrekening opgenomen in de periode waarin ze zich voordoen.
De Groep voert sommige herstructureringsprogramma"s uit die beëindigingsvoordelen en andere vormen van bijkomende vergoedingen inhouden. De actuariële winsten en verliezen op deze schulden worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer ze zich voordoen.
De totale kost wordt in de resultatenrekening als personeelskosten en pensioenen geboekt, uitgezonderd de niet-recurrente kosten en de interestkost van de schuld voor beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen, resulterend uit de externe mobiliteitsprogramma"s en uit de collectieve arbeidsovereenkomst van 2005, die als financiële kost is geboekt.
Korte- en langetermijnvoordelen voor personeelsleden
De kost van alle korte- en langetermijnvoordelen voor personeelsleden, zoals lonen en salarissen, betaald verlof, bonussen, medische interventies en andere worden opgenomen gedurende de periode waarin het personeelslid de desbetreffende dienst verleent. De Groep neemt deze kosten enkel op indien zij wettelijk of feitelijk verplicht is om een dergelijke betaling uit te voeren en indien er een betrouwbare raming van de schuld kan worden gemaakt.
Financiële instrumenten
Reële waarde van de financiële instrumenten
De volgende methodes en principes worden toegepast om de reële waarde van de financiële instrumenten te ramen:
- Voor investeringen in genoteerde bedrijven en wederzijdse fondsen is de reële waarde gelijk aan hun beurskoers;
- Voor investeringen in niet-genoteerde ondernemingen wordt de reële waarde geraamd door te refereren naar recente verkooptransacties op de aandelen van deze niet-genoteerde ondernemingen of, bij gebrek aan zulke transacties, door middel van verschillende waarderingstechnieken zoals toekomstige verdisconteerde kasstroommodellen en "multiples" methodes;
- Voor investeringen in niet-genoteerde ondernemingen waarvoor geen betrouwbare reële waarde kan worden bepaald, wordt de reële waarde gebaseerd op de historische aanschaffingskosten, gecorrigeerd met de eventuele bijzondere waardeverminderingen;
- Voor langetermijnschulden die onderhevig zijn aan variabele rentevoeten wordt de afgeschreven kost geacht de reële waarde te benaderen;
- Voor langetermijnschulden die onderhevig zijn aan een vaste rentevoet wordt de reële waarde bepaald op basis van de marktwaarde indien aanwezig, of anders op basis van de toekomstige verdisconteerde kasstromen;
- Voor handelsvorderingen, handelsschulden, andere kortlopende activa en passiva worden de boekwaarden in de balans bij benadering opgenomen tegen een reële waarde rekening houdend met hun korte looptijd;
- Voor geldmiddelen en kasequivalenten vormen de boekwaarden opgenomen in de balans een benadering van hun reële waarde rekening houdend met hun korte looptijd;
- Voor derivaten worden de reële waarden geraamd door gebruik te maken van verschillende waarderingstechnieken, in het bijzonder de verdiscontering van de toekomstige kasstromen.
Criteria voor de initiële opname en het niet meer opnemen van financiële activa en passiva
De financiële instrumenten worden initieel opgenomen wanneer de Groep de contractuele bepalingen van de instrumenten onderschrijft. Gewone aankopen en verkopen van financiële activa worden geboekt op de afwikkelingsdatum.
Financiële activa (of een gedeelte ervan) worden niet meer opgenomen wanneer de Groep de rechten op de vergoedingen, bepaald in het contract, te gelde maakt, wanneer de rechten vervallen of wanneer de Groep er afstand van doet of nog indien de Groep de controle verliest over de contractuele rechten die betrekking hebben op het financiële actief. Financiële passiva (of een gedeelte ervan) worden niet meer opgenomen indien de verplichting bepaald in het contract vervalt, ingetrokken of geannuleerd wordt.
Criteria voor de saldering van financiële activa en passiva
Indien er een wettelijk afdwingbaar compensatierecht bestaat voor opgenomen financiële activa en passiva en de intentie aanwezig is om het passief af te wikkelen en het actief tegelijk te gelde te maken of op nettobasis af te wikkelen, worden alle financiële gevolgen gecompenseerd.
Criteria voor classificering van de financiële instrumenten als "behouden tot vervaldatum"
Sommige financiële instrumenten worden als "behouden tot vervaldatum" geclassificeerd op basis van de mogelijkheid en de intentie van de Groep om deze instrumenten tot hun vervaldatum te behouden. De Groep heeft reeds een ruime ervaring in het naleven van deze regel. Dit wordt versterkt door het feit dat de financiële instrumenten die als "behouden tot vervaldatum" geclassificeerd zijn een looptijd hebben van korte- tot middellange termijn.
Criteria voor het classificeren van de financiële instrumenten als "aangehouden tot verkoop"
De financiële activa die geen derivaten zijn, waarbij de Groep niet van plan is deze tot het einde van hun looptijd te behouden, die niet als "leningen en vorderingen" geclassificeerd zijn en die door de Groep bij aanvang niet als gewaardeerde activa tegen hun reële waarde via de resultatenrekening geclassificeerd zijn, worden als "aangehouden tot verkoop" geclassificeerd.
Aandelen in het eigen vermogen van niet-geconsolideerde ondernemingen worden gewoonlijk als "aangehouden tot verkoop" geclassificeerd. Aandelen in wederzijdse of in soortgelijke fondsen worden geclassificeerd als "aangehouden tot verkoop" als ze bij aanvang tegen hun reële waarde via de resultatenrekening geclassificeerd zijn.
Andere deelnemingen
Andere deelnemingen bevatten de aandelen gehouden in entiteiten die geen dochterondernemingen, joint-venture of ondernemingen volgens vermogensmutatiemethode zijn.
Deze deelnemingen worden initieel opgenomen tegen kostprijs, zijnde tegen de reële waarde van de verstrekte vergoeding met inbegrip van de aanschaffingskosten verbonden aan de investering. Deze deelnemingen worden in de balans geclassificeerd onder de voor verkoop beschikbare financiële activa.
Na de initiële opname worden de andere deelnemingen geboekt tegen de reële waarde en worden de wijzigingen in de reële waarde rechtstreeks in het eigen vermogen opgenomen tot het financieel actief verkocht, geïncasseerd of van de hand gedaan wordt, waarna de voorheen in het eigen vermogen toegerekende gecumuleerde winsten of verliezen worden opgenomen in de resultatenrekening.
Andere financiële vaste activa
De andere financiële vaste activa omvatten derivaten (zie verder), rentedragende vorderingen op lange termijn zoals leningen aan joint ventures, personeel en kasgaranties, en beleggingen op lange termijn zoals "notes" en gekochte obligaties. Langetermijnvorderingen worden geboekt als leningen en vorderingen uitgegeven door het bedrijf en worden gewaardeerd tegen afgeschreven kostprijs. Langetermijninvesteringen worden geclassificeerd als tot het eind van de looptijd aangehouden en worden gewaardeerd tegen afgeschreven kostprijs.
Handelsvorderingen en andere vlottende activa
Handelsvorderingen en andere vlottende activa worden in de balans opgenomen tegen nominale waarde (gewoonlijk het oorspronkelijke factuurbedrag) met aftrek van de waardeverminderingen voor dubieuze debiteuren.
Beleggingen
De beleggingen omvatten aandelen in fondsen en wederzijdse fondsen, vastrentende effecten en deposito"s met een looptijd van meer dan drie maanden maar minder dan één jaar.
Aandelen worden initieel opgenomen tegen kostprijs, meer bepaald de reële waarde van de verstrekte vergoeding met inbegrip van de aanschaffingskosten verbonden aan de investering. Na de initiële opname worden aandelen behandeld als beschikbaar voor verkoop, met een herwaardering tot de reële waarde die rechtstreeks in het eigen vermogen wordt geboekt, tot de investering wordt verkocht, geïncasseerd of van de hand gedaan. De gecumuleerde winsten of verliezen die voorheen in het eigen vermogen werden geboekt, worden daarna in de resultatenrekening opgenomen.
Vastrentende effecten worden initieel opgenomen tegen kostprijs, meer bepaald de reële waarde van de verstrekte vergoeding met inbegrip van de aanschaffingskosten verbonden aan de investering. Na de initiële opname worden de vastrentende effecten die geclassificeerd zijn als beschikbaar voor verkoop gewaardeerd aan reële waarde, waarbij de winsten en verliezen uit herwaardering in het eigen vermogen worden opgenomen tot de investering is verkocht, geïncasseerd of van de hand gedaan. Bijzondere waardeverminderingen worden geboekt in de resultatenrekening. De vastrentende effecten die bestemd zijn om de hele looptijd te worden gehouden, worden gewaardeerd tegen de afgeschreven kostprijs, gebruikmakend van de methode van de effectieve rentevoet.
Deposito"s worden verondersteld aangehouden te worden tot het einde van de looptijd en worden gewaardeerd tegen de afgeschreven kostprijs.
Geldmiddelen en kasequivalenten
Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten liquide middelen, lopende bankrekeningen en beleggingen met een initiële looptijd van minder dan drie maanden en die zeer liquide zijn.
Geldmiddelen en kasequivalenten worden geboekt tegen de afgeschreven kostprijs.
Bijzondere waardeverminderingen van financiële activa
De Groep onderzoekt op iedere balansdatum of financiële activa of het geheel van financiële activa objectieve indicaties van bijzondere waardevermindering vertonen. Als de boekhoudkundige waarde van de financiële activa hoger is dan de geschatte realiseerbare waarde, wordt een bijzondere waardevermindering geboekt.
Er wordt altijd een specifieke rekening gebruikt om de bijzondere waardeverminderingen te boeken, ongeacht of deze door een kredietverlies veroorzaakt werden of niet.
De waardeverminderingen op vorderingen worden geboekt wanneer het waarschijnlijk is dat de Groep niet in staat zal zijn alle verschuldigde bedragen te innen, op basis van geïndividualiseerde criteria of op basis van statistieken en de analyse van de ouderdomsbalans.
In geval van waardeverminderingen die te wijten zijn aan kredietverliezen, wordt de waardevermindering teruggenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de Groep in staat zal zijn de financiële activa te innen, op basis van verschillende indicaties zoals de oplevering van waarborgen, een succesvolle kapitaalverhoging bij de schuldenaar, enz…
De waardevermindering wordt ook teruggenomen wanneer het actief definitief verkocht, ontvangen of daarentegen niet terugvorderbaar is. Op dat moment worden de definitieve opbrengsten/(kosten) geboekt in de resultaatrekening.
De waardeverminderingen op "voor verkoop beschikbare" eigen vermogeninstrumenten worden erkend in resultaat in geval van een significante of langdurige daling van de reële waarde beneden kostprijs. Deze waardeverminderingen worden niet in de resultaatrekening teruggenomen. Indien een waardevermindering teruggenomen moet worden, zal een terugneming in het eigen vermogen geboekt worden, als een herwaardering tot de reële waarde.
Rentedragende schulden
Alle kredieten en leningen worden initieel opgenomen tegen kostprijs, meer bepaald de reële waarde van de ontvangen vergoeding na aftrek van de uitgiftekosten verbonden aan de leningen.
Na de initiële opname worden de niet-afgedekte schulden gewaardeerd tegen afgeschreven kostprijs op basis van de effectieve intrestvoetmethode met afschrijving van verdisconteringen of premies in de resultatenrekening.
Derivaten
De Groep maakt gebruik van derivaten zoals IRS, IRCS, rentetermijncontracten en valutaopties om haar risico"s verbonden aan schommelingen van de rentevoet en vreemde valuta te beperken op onderliggende activa, passiva en geanticipeerde transacties. De derivaten worden tegen reële waarde geboekt in de posten andere activa (lange en korte termijn), rentedragende schulden (lange en korte termijn) en andere schulden (lange en korte termijn).
De Groep gebruikt IRS en IRCS om zijn risico van schommelingen van de rentevoet en vreemde valuta op langetermijnschulden in te perken. Deze economische afdekkingen worden niet beschouwd als boekhoudkundige afdekkingen.
De Groep heeft geen derivaten (en geeft er ook geen uit) voor handelsdoeleinden, maar sommige van haar derivatencontracten beantwoorden niet aan de criteria bepaald in IAS 39 om als afdekkingen te worden beschouwd en worden daarom behandeld als derivaten aangehouden voor verhandeling, met wijzigingen in de reële waarde geboekt in de resultatenrekening.
De Groep maakt gebruik van valutaopties en termijnwisselcontracten om haar risico"s op vreemde valuta uit operationele contracten te beperken. Indien de afstemming van deze instrumenten op het onderliggende risico echter niet effectief genoeg is of indien de effectiviteit niet gemakkelijk kan worden aangetoond, worden deze instrumenten niet geboekt als afdekkingen, maar wel tegen de reële waarde, waarbij de wijzigingen in die reële waarde worden opgenomen in de resultatenrekening.
Sommige schulden geplaatst door Belgacom omvatten in het contract besloten derivaten. Dergelijke derivaten worden afgescheiden van hun basiscontracten en geboekt tegen de marktwaarde waarbij wijzigingen in de reële waarde in de resultatenrekening opgenomen worden. Het "mark-to-market" effect op de in het contract besloten derivaten wordt geneutraliseerd door deze op andere derivaten.
Netto winsten / (verliezen) op financiële instrumenten
Dividenden, renteopbrengsten en rentekosten worden door de Groep van de nettowinsten en -verliezen op financiële instrumenten afgehouden. Dividenden, renteopbrengsten en rentekosten die uit financiële instrumenten voortvloeien, worden als financiële opbrengsten/(kosten) geboekt.
Netto winsten / (verliezen) die uit de verkoop of de aanzuivering van financiële instrumenten voortvloeien, worden als financiële opbrengsten/(kosten) geboekt wanneer deze instrumenten betrekking hebben op financieringsactiviteiten. Wanneer financiële instrumenten op operationele of investeringsactiviteiten betrekking hebben, worden de netto winsten / (verliezen) die uit de verkoop of de aanzuivering van deze financiële instrumenten voortvloeien als operationele opbrengsten/(kosten) geboekt.
Netto winsten / (verliezen) die uit de herwaardering naar de reële waarde van derivaten voortvloeien en die gebruikt worden om het wisselrisico uit operationele activiteiten te beheren maar die niet als dekkingsinstrumenten volgens IAS 39 beschouwd worden, worden als operationele opbrengsten/(kosten) geboekt.
Netto winsten / (verliezen) die uit de herwaardering naar de reële waarde van derivaten voortvloeien die gebruikt worden om het renterisico uit financiële activiteiten te beheren, worden als financiële opbrengsten/(kosten) geboekt.
Voorraden
De voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen netto realiseerbare waarde indien deze lager is.
De kostprijs wordt bepaald volgens de gewogen-gemiddelde-kostprijsmethode behalve voor IT-uitrusting (FIFO methode) en aangekochte goederen voor de wederverkoop in het kader van specifieke onderhanden projecten in opdracht van derden (individuele aankoopprijs).
Voor onderhanden projecten in opdracht van derden, wordt de methode van winstneming toegepast. De methode van winstneming wordt gemeten op basis van de kost van het uitgevoerde werk op balansdatum in verhouding tot de geraamde totale kost voor het project. De projectkosten omvatten alle directe kosten die betrekking hebben op het specifieke project en een toewijzing van vaste en variabele kosten opgelopen met betrekking tot projectactiviteiten, gebaseerd op normale bedrijfscapaciteit.
Lease-overeenkomsten
Lease-overeenkomsten m.b.t. activa waarbij nagenoeg alle risico"s en voordelen uit het bezit van het actief worden overgedragen aan de Groep worden geclassificeerd als financiële leases. Financiële leases worden erkend als activa en schulden (rentedragende schulden) ten bedrage van de reële waarde van de geleasde activa of de huidige waarde van de minimale leasingbetalingen bij aanvang van de lease, indien deze lager is. De afschrijving en herwaardering tot reële waarde voor afschrijfbare geleasde activa zijn dezelfde als voor afschrijfbare activa in eigendom. Leasebetalingen worden opgesplitst tussen openstaande schulden en financiële lasten om zo tot een constante intrestvoet per periode te komen op het resterende saldo van de schuld.
Lease-overeenkomsten waarbij alle risico"s en voordelen uit het bezit van het actief nagenoeg behouden worden door de verhuurder, worden geclassificeerd als operationele leases. De betalingen onder operationele leases worden lineair over de leasingtermijn als kosten opgenomen in de resultatenrekening.
Voorzieningen
Voorzieningen worden opgenomen indien de Groep een bestaande wettelijke of feitelijke verplichting heeft die voortvloeit uit gebeurtenissen uit het verleden waarvoor waarschijnlijk een uitstroom van middelen die economische voordelen inhouden, vereist zal zijn om de verplichting af te wikkelen en het bedrag van deze verplichting op betrouwbare wijze kan worden geschat. Een gebeurtenis uit het verleden wordt geacht aanleiding te geven tot een bestaande verplichting indien, rekening houdend met de beschikbare bewijsstukken, het meer dan waarschijnlijk is dat er een bestaande verplichting is op de balansdatum.
Bepaalde activa en inrichtingen die zich op eigendom van derden situeren, dienen uiteindelijk ontmanteld te worden en de eigendom dient in de oorspronkelijke staat hersteld te worden. De totale geraamde kosten vereist voor de ontmanteling en de herstelling worden opgenomen als materiële vaste activa en afgeschreven over de volledige gebruiksduur van het actief. De totale geraamde kosten vereist voor de ontmanteling en de herstelling, verdisconteerd tot de huidige waarde ervan, worden geboekt als voorzieningen. In het geval van verdiscontering, wordt de toename in de voorziening wegens het verstrijken van de tijd geclassificeerd als financieringskosten.
Vaste activa en bijhorende schulden aangehouden voor verkoop
Vaste activa en bijhorende schulden aangehouden voor verkoop zijn opgenomen aan de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde verminderd met de verkoopkosten, en worden geclassificeerd onder de vlottende activa.
Op aandelen gebaseerde betaling
De reële waarde van de aandelenopties toegekend onder de aandelenoptieplannen van de Groep, wordt bepaald op de toekenningsdatum, rekening houdend met de karakteristieken en voorwaarden waartegen de opties toegekend worden, en gebruik makend van een waarderingstechniek die overeenkomt met algemeen aanvaarde waarderingsmethodes voor de prijsbepaling van financiële instrumenten, en die rekening houdt met alle factoren en assumpties die normale deelnemers met kennis van zaken bij hun prijszetting in overweging zouden nemen. De reële waarde van de aandelenopties wordt als personeelskost geboekt over de periode totdat de genieter de optie onvoorwaardelijk verwerft, samen met een verhoging van de rubriek "vergoedingen in aandelen" in het eigen vermogen, voor wat betreft het vermogensdeel, en een erkenning van een dividendschuld voor het dividenddeel. De reële waarde van dit recht wordt jaarlijks geherwaardeerd wanneer de aandelenopties recht geven op dividenden uitgekeerd na de toewijzing van de opties.
Opbrengsten en bedrijfskosten
De opbrengsten worden opgenomen voor zover de economische voordelen naar alle waarschijnlijkheid naar de Groep zullen vloeien en de opbrengsten getrouw kunnen worden gewaardeerd. De specifieke opbrengstenstromen en de eraan verbonden criteria voor erkenning zijn de volgende:
- De opbrengsten van het vastelijn-, mobiele- en carrierverkeer worden opgenomen op basis van het gebruik;
- De opbrengsten uit de aansluitings- en installatiekosten worden opgenomen op het ogenblik van de aansluiting of installatie;
- De opbrengsten uit de verkoop van communicatie-uitrusting worden opgenomen bij de levering aan de externe verdeler of bij de levering door de eigen Belgacom winkels aan de finale klant;
- De opbrengsten uit de maandelijkse huur- of toegangskosten die betrekking hebben op vastelijn- en mobiele opbrengsten worden opgenomen in de periode waarin de diensten zijn verstrekt;
- De abonnementsgelden worden opgenomen als opbrengsten pro-rata over de abonnementsperiode;
- Voorafbetaalde opbrengsten zoals opbrengsten uit voorafbetaalde vaste- of mobilofoniekaarten worden uitgesteld en opgenomen op basis van het gebruik van de kaarten;
- Onderhoudsopbrengsten worden opgenomen als opbrengsten prorata over de onderhoudsperiode geboekt;
- Ontvangen commissies worden opgenomen wanneer de Groep optreedt als agent, dwz wanneer de Groep de voorraad- en kredietrisico"s niet draagt, de prijzen niet bepaalt, geen deel van de diensten verandert of uitvoert, en wanneer de Groep geen vrijheid heeft om de leveranciers te selecteren;
- De opbrengsten uit de verkoopscontracten die meerdere elementen bevatten, worden pro rata toegewezen aan deze verschillende elementen op basis van hun relatieve reële waarde.
Netto omzet is gedefiniëerd als de bruto-instroom van economische voordelen die tijdens de periode ontstaan bij de uitvoering van de normale bedrijfsactiviteiten en rekening houdend met elke handels- en volumekorting toegekend door de Groep. Spaarpunten (loyaliteitsprogramma"s) worden geboekt als een afzonderlijke component van de verkooptransactie en opgenomen in mindering van de initiële verkoop in netto omzet. De aan spaarpunten toegerekende vergoeding wordt in opbrengsten geboekt wanneer de spaarpunten worden ingewisseld.
Uitgaven voor research worden opgenomen in de resultatenrekening als kosten wanneer ze zich voordoen.
De geconsolideerde resultatenrekening van de Groep wordt voorgesteld per aard van de kosten. Bedrijfskosten worden voorgesteld netto van het geleverde werk dat door de onderneming werd geactiveerd.
De kosten van de verkochte materialen en diensten omvatten de kosten voor de aankoop van het materiaal en de diensten die rechtstreeks verbonden zijn aan de opbrengsten.
De reclamekosten en andere marketingkosten worden opgenomen wanneer ze zich voordoen.
Teneinde de, vanaf 2007, graduele evolutie naar méér en langere vaste termijn contracten van méér dan één jaar met postpaid mobiele klanten te reflecteren, worden de dealer commissies toegekend bij aanvang van deze contracten, vanaf 2008, in de kosten genomen over de geschatte duurtijd van het contract. De kosten van commissielonen aan dealers voor andere contracten worden erkend wanneer ze zich voordoen.
Niet-recurrente opbrengsten en kosten omvatten winsten en verliezen op de verkoop van geconsolideerde ondernemingen die elk afzonderlijk meer dan 5 miljoen EUR vertegenwoordigen, boetes en straffen opgelegd door de mededingingsautoriteiten of de regulator die 5 miljoen EUR overschrijden en kosten voor herstructureringsprogramma"s, inclusief actuariële winsten en verliezen.
Toelichting 3. Goodwill
| (in miljoen EUR) | Goodwill |
|---|---|
| Op 1 januari 2009 | 2.111 |
| Verwerving van Tango Groep Verwerving van Scarlet Groep Andere verwervingen Dochterondernemingen geclassificeerd als aangehouden voor verkoop Andere |
-19 1 -4 -1 0 |
| Op 31 december 2009 | 2.088 |
| Verwerving van zeggenschap over BICS Verwerving van MBS TELECOM NV Verwerving van Sahara Net LLC Prijsaanpassing van Scarlet Andere |
252 1 5 -7 -1 |
| Op 31 december 2010 | 2.337 |
In 2008 resulteerde de aankoop van de Tango Groep en de Scarlet Groep in een gezamelijke stijging van de goodwill van 334 miljoen EUR. Het bedrag van de goodwill dat betrekking heeft op beide aankopen was nog niet definitief aangezien de toewijzing van de aankoopprijs voorlopig was (Tango Groep) of nog niet was aangevat per 31 december 2008 (Scarlet Groep). Deze werden gefinaliseerd in 2009 (zie toelichting 6.4).
Als gevolg van het verwerven van zeggenschap over BICS per 1 januari 2010, welke een herwaardering naar reële waarde vereiste van het voorheen aangehouden belang (zie toelichting 6.4 en 22), is de goodwill gestegen met 252 miljoen EUR in 2010. De Groep verkoos om niet de volledige goodwill optie toe te passen, wat betekent dat de minderheidsbelangen op datum van overname worden gewaardeerd aan hun aandeel in de netto activa van BICS, gewaardeerd aan reële waarde.
Goodwill werd op operationeel segmentniveau getest op bijzondere waardeverminderingen omdat de performantie, de financiële positie (inclusief goodwill) en de kapitaalsuitgaven binnen de Groep enkel op operationeel segmentniveau beheerd worden.
De boekwaarde van de goodwill is als volgt aan de operationele segmenten toegewezen:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Consumer Business Unit | 1.003 | 1.001 |
| Enterprise Business Unit | 1.085 | 1.084 |
| Internationale Carrierdiensten | 0 | 252 |
| Totaal | 2.088 | 2.337 |
De realiseerbare waarde op segmentniveau (inclusief goodwill) is gebaseerd op de bedrijfswaarde bepaald aan de hand van een verdisconteerd kasstroommodel. Voor de jaren 2011 tot 2015 worden de vrije kasstromen gebaseerd op het Vijf Jaren Plan zoals goedgekeurd door het management en Raad van Bestuur. Voor de volgende jaren worden de gegevens van het Vijf Jaren Plan geëxtrapoleerd op basis van een groeiratio tussen 0% en 1,6% per jaar, welke de managementvisie reflecteert over de langtermijnevolutie van de markt en gebaseerd is op historische data. Vrije kasstromen voor elk van de segmenten worden verdisconteerd tegen een specifiek gewogen gemiddelde vermogenskost na belastingen tussen 6,9% en 9,0%. De gemiddelde vermogenskost vóór belastingen, die uit de gewogen gemiddelde vermogenskost na belastingen via iteraties afgeleid is, ligt 9,3% en 12,5%. Een gewogen gemiddelde vermogenskost is berekend per segment, gebaseerd op hun relatieve kapitaalstructuurcomponenten en omvat een risicopremie die specifiek is voor het inherente risico van het segment. De resultaten van die analyse leidden tot de conclusie dat geen van deze goodwillbedragen op 31 december 2010 een bijzondere waardevermindering had opgelopen.
Sensitiviteitsanalyse toont aan dat de bedrijfswaarde de netto boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheden (de segmenten) nog steeds overschrijdt indien cruciale assumpties (verdisconteringsvoet en langetermijngroeivoet) sterk zouden verslechteren.
Toelichting 4. Immateriële vaste activa met bepaalde gebruiksduur
| (in miljoen EUR) | GSM- en UMTS licenties |
Intern geprodu ceerde vaste activa |
Verworven klanten bestanden en merknamen |
TV rechten | Andere immateriële vaste activa |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Boekwaarde op 1 januari 2009, na aftrek van gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen |
128 | 8 6 |
5 0 |
125 | 162 | 552 |
| Aanschaffingen Aanschaffingen van dochterondernemingen Verkopen van dochterondernemingen Overboekingen Afschrijvingen van het jaar |
0 0 0 -1 -17 |
5 3 2 0 0 -42 |
0 128 0 0 -30 |
1 7 0 0 0 -60 |
8 1 0 -2 -3 -57 |
151 130 -2 -3 -205 |
| Boekwaarde op 31 december 2009, na aftrek van gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen |
111 | 100 | 148 | 8 3 |
181 | 623 |
| Aanschaffingen Aanschaffingen van dochterondernemingen Verkopen Overboekingen Afschrijvingen van het jaar |
7 4 0 0 -7 -24 |
6 7 0 0 0 -36 |
0 541 0 0 -67 |
6 9 0 0 0 -68 |
6 7 9 -1 8 -65 |
277 550 -1 1 -260 |
| Boekwaarde op 31 december 2010, na aftrek van gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen |
154 | 132 | 621 | 8 3 |
199 | 1.190 |
| (in miljoen EUR) | GSM- en UMTS licenties |
Intern geprodu ceerde vaste activa |
Verworven klanten bestanden en merknamen |
TV rechten | Andere immateriële vaste activa |
Totaal |
| Op 31 december 2009 Aanschaffingswaarde Gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen Netto boekwaarde |
379 -268 111 |
384 -283 100 |
249 -101 148 |
205 -122 8 3 |
845 -664 181 |
2.061 -1.438 623 |
| Aanschaffingswaarde | 379 | 384 | 249 | 205 | 845 | 2.061 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen | -268 | -283 | -101 | -122 | -664 | -1.438 |
| Op 31 december 2010 | ||||||
| Aanschaffingswaarde | 450 | 450 | 790 | 219 | 877 | 2.786 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen | -295 | -318 | -169 | -136 | -678 | -1.596 |
| Netto boekwaarde | 154 | 132 | 621 | 8 3 |
199 | 1.190 |
De stijging in 2010 resulteert voornamelijk uit de integrale consolidatie van BICS en het verwerven van zeggenschap over BICS, welke tot een toewijzing van de overgedragen vergoeding van BICS heeft geleid (zie toelichting 6.4).
De GSM en UMTS licenties hebben betrekking op het Global System for Mobile Communications ("GSM") en het Universal Mobile Telecommunications System ("UMTS"). In 1994 heeft de Groep een GSM-licentie in België verworven (voor het gebruik van het 900 MHz spectrum) ten bedrage van 226 miljoen EUR. De afschrijvingen werden gestart in 1995 over de initiële gebruiksduur van de licentie (15 jaar). Sinds 6 april 2008 is de GSM licentie kosteloos verlengd tot 8 april 2015. Op 15 maart 2010 heeft de Belgische Staat een wet goedgekeurd die een bijkomende vergoeding van 74 miljoen EUR oplegt voor het verlengen van de 2G-licenties tot 2015 (voor 12 MHz duplex), af te schrijven over 5 jaar. Belgacom heeft gekozen voor jaarlijkse betalingen. Op 18 augustus 2010 heeft Belgacom een procedure tot nietigverklaring ingediend voor het Grondwettelijk Hof tegen de wet van 15 maart 2010. Naast deze procedure tot nietigverklaring, is Belgacom ook een procedure gestart tegen de Belgische Staat en het BIPT teneinde teruggave te bekomen van de betaalde bedragen. In maart 2001 heeft de Groep een UMTS-licentie in België verworven ten bedrage van 150 miljoen EUR. De afschrijving van deze licentie startte in juni 2004 over de initiële gebruiksduur van de licentie, die gepland is te eindigen in 2020.
De verworven klantenbestanden en merknamen bevatten immateriële vaste activa aangeschaft via bedrijfscombinaties (zie toelichting 6.4).
TV-rechten omvatten de aangekochte voetbalrechten en uitzendrechten.
Andere immateriële vaste activa omvatten hoofdzakelijk aangekochte software en gebruiksrechten voor kabels.
Toelichting 5. Materiële vaste activa
| (in miljoen EUR) | Terreinen en gebouwen |
Technische en netwerk uitrusting |
Andere materiële vaste activa |
Activa in aanbouw |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Boekwaarde op 1 januari 2009, na aftrek van gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen |
534 | 1.839 | 5 5 |
7 4 |
2.501 |
| Aanschaffingen Aanschaffingen van dochterondernemingen Verkopen Verkopen van dochterondernemingen Overboekingen Waardeverminderingen Afschrijvingen van het jaar |
1 7 0 -1 0 3 0 -41 |
372 -18 -1 -6 4 4 -2 -438 |
2 0 0 0 0 5 6 0 -22 |
3 7 0 1 -1 -100 0 0 |
446 -18 -2 -7 3 -3 -501 |
| Boekwaarde op 31 december 2009, na aftrek van gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen |
512 | 1.788 | 109 | 1 1 |
2.420 |
| Aanschaffingen Aanschaffingen van dochterondernemingen Verkopen Overboekingen Waardeverminderingen Afschrijvingen van het jaar |
1 6 0 -4 0 0 -38 |
397 2 8 -7 1 2 0 -480 |
3 0 2 0 1 0 -31 |
1 4 3 0 -14 0 0 |
457 3 4 -11 -1 -1 -549 |
| Boekwaarde op 31 december 2010, na aftrek van gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen |
486 | 1.738 | 110 | 1 3 |
2.348 |
| (in miljoen EUR) | Terreinen en gebouwen |
Technische en netwerk uitrusting |
Andere materiële vaste activa |
Activa in aanbouw |
Totaal |
| en gebouwen |
en netwerk uitrusting |
materiële vaste activa |
aanbouw | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Op 31 december 2009 | |||||
| Aanschaffingswaarde | 837 | 10.479 | 363 | 1 1 |
11.690 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen | -325 | -8.691 | -255 | 0 | -9.270 |
| Netto boekwaarde | 512 | 1.788 | 109 | 1 1 |
2.420 |
| Op 31 december 2010 | |||||
| Aanschaffingswaarde | 839 | 10531 | 378 | 1 3 |
11.761 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen | -353 | -8.792 | -268 | 0 | -9.413 |
| Netto boekwaarde | 486 | 1.738 | 110 | 1 3 |
2.348 |
De stijging in 2010 heeft voornamelijk betrekking op de integrale consolidatie van BICS (zie toelichting 6.4).
Toelichting 6. Deelnemingen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen
Toelichting 6.1. Deelnemingen in dochterondernemingen
De geconsolideerde jaarrekening omvat de jaarrekeningen van Belgacom NV en haar dochterondernemingen opgenomen in de volgende tabel.
| Naam | Maatschappelijke zetel | Land | Aandeel van de Groep | ||
|---|---|---|---|---|---|
| 2009 | 2010 | ||||
| Belgacom NV van Publiek Recht | Koning Albert-II-laan 27 1030 Brussel |
België | Moedermaatschappij | ||
| Belgacom Mobile NV | BTW BE 0202.239.951 Koning Albert-II-laan 27 1030 Brussel |
België | (7) | 100% | - |
| Belgacom Finance SA | BTW BE 0453.918.428 Rue de Merl 74 |
Luxemburg | 100% | 100% | |
| Belgacom Group International Services NV | 2146 Luxemburg Koning Albert-II-laan 27 1030 Brussel |
België | 100% | 100% | |
| Finbel Re SA | BTW BE 0466.917.220 Rue de Merl 74 |
Luxemburg | 100% | 100% | |
| Connectimmo NV | 2146 Luxemburg Koning Albert-II-laan 27 |
België | 100% | 100% | |
| Belgacom Skynet NV | 1030 Brussel BTW BE 0477.931.965 Koning Albert-II-laan 27 1030 Brussel |
België | 100% | 100% | |
| Skynet iMotion Activities NV | BTW BE 0460.102.672 Carlistraat 2 1140 Evere |
België | 100% | 100% | |
| Belgacom W NV |
BTW BE 0875.092.626 Rue Marie-Henriette 60 5000 Namur |
België | (2) | 100% | - |
| Belgacom Invest SARL | BTW BE 0464.163.014 Rue de Luxembourg 177 8077 Bertange |
Luxemburg | 100% | 100% | |
| Telindus Group NV | Geldenaaksebaan 335 3001 Heverlee |
België | 100% | 100% | |
| Telindus NV | BTW BE 0422.674.035 Geldenaaksebaan 335 3001 Heverlee |
België | (7) | 100% | - |
| Telindus Sourcing NV | BTW BE 0442.257.642 Avenue Thomas Edison 1 7000 Mons |
België | (7) | 100% | - |
| Telindus BV | Krommewetering 7 | Nederland | (1) | 100% | 100% |
| Telindus International BV | 3544 AP Utrecht Krommewetering 7 3544 AP Utrecht |
Nederland | (1) | 100% | 100% |
| Telindus Networks SA | Chemin des Primevères 4 5 |
Zwitserland | (1) (3) | 100% | 100% |
| Telindus SA | 1701 Fribourg Chemin des Primevères 4 5 |
Zwitserland | (1) (3) | 100% | 100% |
| Telindus SA | 1701 Fribourg Plaza Ciudad de Viena 6 |
Spanje | (1) | 100% | 100% |
| Telindus SA | 28040 Madrid Route d"Arlon 8 1– 8 3 |
Luxemburg | (1) | 65% | 65% |
| Telectronics SA | 8009 Strassen 2 Rue des Mines |
Luxemburg | (1) | 65% | 65% |
| Beim Weissenkreuz SA | 4244 Esch sur Alzette Route d"Arlon 8 1– 8 3 |
Luxemburg | (1) | 64% | 64% |
| Telindus PSF SA | 8009 Strassen 2 Rue des Mines |
Luxemburg | (1) (8) | 65% | - |
| Telindus LTD | 4244 Esch sur Alzette Centurion - Riverside Way - Watchmoor Park |
Verenigd Koninkrijk | (1) | 100% | 100% |
| Telindus Surveillance Solutions Ltd | Camberley - Surrey -GU15 3 YL Centurion - Riverside Way - Watchmoor Park |
Verenigd Koninkrijk | (1) | 100% | 100% |
| Telindus France SA | Camberley - Surrey -GU15 3 YL ZA de Courtaboeuf- 1 0, Avenue de Norvège |
Frankrijk | (1) | 100% | 100% |
| Groupe Telindus France SA | 91962 Les Ulis ZA de Courtaboeuf- 1 0, Avenue de Norvège |
Frankrijk | (1) | 100% | 100% |
| Telindus Sweden AB | 91962 Les Ulis p/a Advokatfirman VINGE |
Zweden | (1) (3) | 100% | 100% |
| Smarlandsgatan 20 - Box 1107 111 87 Stockholm |
|||||
| Telindus Morocco SAS | Casablanca Nearshore Park, 1100 Bd. Al Qods, Shore III, Casanearshore, Sidi Maârouf Casablanca |
Maroc | (1) | 100% | 100% |
| ISit BV | Krommewetering 7 | Nederland | (1) | 100% | 100% |
| ISit ICT Services BV | 3544 AP Utrecht Krommewetering 7 |
Nederland | (1) (9) | 100% | 100% |
| ISit Education & Support BV | 3544 AP Utrecht Krommewetering 7 |
Nederland | (2) | 100% | - |
| ISit NV | 3544 AP Utrecht Culliganlaan 1B |
België | (1) (3) | 100% | 100% |
| Euremis NV | 1831 DIEGEM Chaussée de Nivelles 8 1 1420 Braine-l'Alleud |
België | (12) | 100% | 100% |
| Belgacom Bridging ICT NV | 2146 Luxemburg Koning Albert II laan 27 1030 Brussels |
België | - | 100% | |
| Belgacom OPAL NV | BTW BE 0826.942.915 Koning Albert-II-laan 27 1030 Brussel |
België | 100% | 100% | |
| Belgacom Development SA | BTW BE 0861.583.672 Rue de Merl 74 |
Luxemburg | 100% | 100% | |
| Beldiscom NV | 2146 Luxemburg Bld d'Avroy 242 |
België | 100% | 100% | |
| Mobile-For NV | 4000 Liege BTW BE 0440.935.769 Koning Albert-II-laan 27 1030 Brussel |
België | 100% | 100% | |
| BTW BE 0881.959.533 |
| Naam | Maatschappelijke zetel | Land | 2009 | Aandeel van de Groep 2010 |
|
|---|---|---|---|---|---|
| Tango Mobile SA | Rue de Luxembourg 177 | Luxemburg | (4) | 100% | 100% |
| Tango Fixed SA | 8077 Bertange Rue de Luxembourg 177 |
Luxemburg | (4) | 100% | 100% |
| Tango Services SA | 8077 Bertange Rue de Luxembourg 177 |
Luxemburg | (4) | 100% | 100% |
| Scarlet NV | 8077 Bertange Ketelmeerstraat 198 |
Nederland | (5) | 100% | 100% |
| Scarlet Telecom BV | 8226JX Lelystad Ketelmeerstraat 198 |
Nederland | (5) | 100% | 100% |
| Scarlet Belgie Holding BV | 8226JX Lelystad Ketelmeerstraat 198 |
Nederland | (5) | 100% | 100% |
| Scarlet Extended NV | 8226JX Lelystad Belgicastraat 5 |
België | (5) (10) | 100% | - |
| 1930 Zaventem BTW BE 0463.815.792 |
|||||
| ST Integration NV | Belgicastraat 5 1930 Zaventem |
België | (5) (3) | 100% | 100% |
| Scarlet Business NV | BTW BE 0472.046.243 Belgicastraat 5 |
België | (5) | 100% | 100% |
| 1930 Zaventem BTW BE 0463.079.780 |
|||||
| Scarlet Luxembourg SARL | Rue Jean Piret 3 2350 Luxembourg |
België | (5) | 100% | 100% |
| Scarlet Telecom BVBA | Belgicastraat 5 | België | (5) (3) | 100% | 100% |
| 1930 Zaventem BTW BE 0466.942.657 |
|||||
| NetNet BVBA | Belgicastraat 5 1930 Zaventem |
België | (5) (10) | 100% | 100% |
| Scarlet Belgium NV | BTW BE 0461.549.853 Belgicastraat 5 |
België | (5) | 100% | 100% |
| 1930 Zaventem BTW BE 0447.976.484 |
|||||
| Full Telecom NV | Belcrownlaan 13i 2100 Deurne |
België | (5) (10) | 100% | 100% |
| MBS TELECOM NV | BTW BE 0864.940.684 Belgicastraat 5 |
België | (5) | - | 100% |
| 1930 Zaventem BTW 0882.760.574 |
|||||
| Sahara International Ventures NV | Franse Kampweg 6 1406 NW Bussum |
Nederland | 51% | 51% | |
| Sahara LAC BV | Amstel 108 1017 AD Amsterdam |
Nederland | 51% | 51% | |
| Sahara Net LLC | Box 5480 Damman, 31422 |
Saoëdi-Arabië | - | 36% | |
| Scarlet BV (Curaçao) | Fokkerweg 26 | Nederlandse Antillen | (6) | 42% | 42% |
| Caribbean Satellite Communications Inc | Willemstad Curacao 50 Soldado Serrano, Ocean park |
Puerto Rico | (6) | 42% | 42% |
| Scarlet NV (BTS) | San Juan 00911 Kaya J.A. Abraham Boulevard 73 |
Nederlandse Antillen | (6) | 42% | 42% |
| Scarlet NV (SNM) | Bonaire Three Palm Plaza 60, Unit 1, Welfare Road, Colebay Nederlandse Antillen |
(6) | 42% | 42% | |
| Carib - online NV | Sint Maarten Fokkerweg 26 |
Nederlandse Antillen | (6) | 42% | 42% |
| Scarlet Inc | Willemstad Curacao 1334 Redwood Avenue |
Verenigde Staten van Amerika (6) | 42% | 42% | |
| Scarlet AARC NV | Brighton Iowa 52540 Santa Rosaweg 17 |
Nederlandse Antillen | (6) | 42% | 42% |
| All America Cables and Radio (Sint Maarten) NV | Willemstad Curacao 36G Airport Road, Simpson Bay |
Nederlandse Antillen | (6) | 42% | 42% |
| Scarlet Telecom NV | Sint Maarten Watapanastraat 7 |
Aruba | (6) | 42% | 42% |
| Rainbow Internet Services NV |
Oranjestad Watapanastraat 7 |
Aruba | (6) | 42% | 42% |
| Scarlet (BVI) Ltd | Oranjestad Arias Fabrega & Fabrega Trust Co BVI Ltd Wickhams Cay, Road Town |
Britse Maagdelijke Eilanden | (6) | 42% | 42% |
| Belgacom International Carrier Services NV | Tortola Rue Lebeau 4 |
België | (11) | - | 58% |
| 1000 Brussel BTW BE 0866.977.981 |
|||||
| Belgacom International Carrier Services Deutschland G.M.B.H. Mendelssohnstrasse 87 | 60325 Frankfurt | Duitsland | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services UK Ltd | Great Bridgewaterstreet 70 M15ES Manchester |
Verenigd Koninkrijk | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services Nederland BV | Wilhelminakade 91 3072 AP Rotterdam |
Nederland | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services North America Inc Corporation trust center - 1209 Orange street Verenigde Staten van Amerika (11) | - | 58% | |||
| Belgacom International Carrier Services Asia Pte Ltd | USA - 19801 Willington Delaware 8 Cross Street - # 11-00 PWC Building |
Singapore | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services (Portugal) SA | Singapore 048624 Avenida da Republica, 50, 10de verdieping |
Portugal | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services Italia Srl | 1069-211 Lisbon Via San Vito 7 |
Italië | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services Spain SL | 20123 Milano Avenida de Aragon, 330 |
Spanje | (11) | - | 58% |
| Parque Empresarial Las Mercedes 28022 Madrid |
|||||
| Belgacom International Carrier Services Switzerland AG Papiermülhestrasse 6 | 9 3014 Bern |
Zwitserland | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services Austria GMBH | Teinfaltstrasse, 4 1010 Wien |
Oostenrijk | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services Sweden AB | Drottninggaton 30 41114 Goteborg |
Zweden | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services JAPAN KK | 9th Floor, Prudential Tower 13-10 Nagata-cho 2-chrome |
Japan | (11) | - | 58% |
| Belgacom International Carrier Services China Ltd | Chiyoda-ku - Tokyo 100-0014 Three Pacific Place - Level 28 |
China | (11) | - | 58% |
| 1, Queen's road East Hong Kong |
58% | ||||
| Belgacom International Carrier Services France SAS | Rue du Colonel Moll 3 75017 Paris |
Frankrijk | (11) | - | 58% |
(1) Dochterondernemingen van Group Telindus
(2) Geliquideerd in 2010
(3) In liquidatie
(4) Dochterondernemingen van Group Tango (5) Dochterondernemingen van Group Scarlet
(6) Indirect gekontroleerd door de Groep entiteit
(7) Gefusioneerd entiteit in Belgacom NV van Publiek Recht in 2010
(8) Gefusioneerd entiteit in Telindus SA (Luxemburg) in 2010 (9) Gefusioneerd entiteit in ISit BV (Nederland) in 2010
(10) Gefusioneerd entiteit in Scarlet Belgium NV in 2010
(11) BICS Groep, geconsolideerd in 2010
(12) In liquidatie na transfert van activiteiten in Belgacom NV van Publiek Recht in 2010
Toelichting 6.2. Deelnemingen in joint ventures
De Groep heeft volgende deelnemingen in joint ventures.
| Naam | Maatschappelijke zetel | Land | Aandeel van de Groep | ||
|---|---|---|---|---|---|
| 2009 | 2010 | ||||
| Allo Bottin SA | 101/109, rue Jean-Jurès 92300 Levalloi-Perret |
Frankrijk | (1) | 50% | 50% |
| Belgacom International Carrier Services NV | Rue Lebeau 4 1000 Brussel BTW BE 0866.977.981 |
België | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services Deutschland G.M.B.H. Mendelssohnstrasse 87 | 60325 Frankfurt | Duitsland | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services UK Ltd | Great Bridgewaterstreet 70 M15ES Manchester |
Verenigd Koninkrijk (2) | 58% | - | |
| Belgacom International Carrier Services Nederland BV | Wilhelminakade 91 3072 AP Rotterdam |
Nederland | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services North America Inc | Corporation trust center - 1209 Orange street USA - 19801 Willington Delaware |
Verenigde Staten van Amerika (2) 58% | - | ||
| Belgacom International Carrier Services Asia Pte Ltd | 8 Cross Street - # 11-00 PWC Building Singapore 048624 |
Singapore | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services (Portugal) SA | Avenida da Republica, 50, 10de verdieping 1069-211 Lisbon |
Portugal | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services Italia Srl | Via San Vito 7 20123 Milano |
Italië | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services Spain SL | Avenida de Aragon, 330 Parque Empresarial Las Mercedes 28022 Madrid |
Spanje | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services Switzerland AG | Papiermülhestrasse 6 9 3014 Bern |
Zwitserland | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services Austria GMBH | Teinfaltstrasse, 4 1010 Wien |
Oostenrijk | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services Sweden AB | Drottninggaton 30 41114 Goteborg |
Zweden | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services JAPAN KK | #409 Raffine Higaski Ginza, 4-14 Tsukiy 4 - Chome - Chuo-ku Tokyo 104-0045 |
Japan | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services China Ltd | Three Pacific Place - Level 28 1, Queen's road East Hong Kong |
China | (2) | 58% | - |
| Belgacom International Carrier Services France SAS | Rue du Colonel Moll 3 75017 Paris |
Frankrijk | (2) | 58% | - |
| E-Port Communications Systems SA | Slijkensesteenweg 2 8400 Oostende BTW BE 0864.818.940 |
België | (3) | 50% | 50% |
(1) In liquidatie
(2) BICS Groep, geconsolideerd in 2010 (3) Joint venture van de Groep Telindus
De bijdrage in d e activa, passiva, opbrengsten e n kosten van d e entiteiten onder gezamenlijk zeggenschap die zijn begrepen in de geconsolideerde jaarrekening, is samengesteld als volgt:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Vaste activa | 133 | 0 |
| Vlottende activa | 226 | 0 |
| TOTAAL ACTIVA | 359 | 0 |
| Langetermijnschulden | 5 | 0 |
| Kortetermijnschulden | 255 | 0 |
| TOTAAL SCHULDEN | 260 | 0 |
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Netto omzet | 841 | 0 |
| Niet-recurrente opbrengsten | 0 | 0 |
| Totale bedrijfskosten vóór afschrijvingen | -763 | 0 |
| Afschrijvingen | -21 | 0 |
| Netto financiële opbrengsten / (kosten) | 0 | 0 |
| Winst vóór belastingen | 131 | 0 |
| Belastingen | -16 | 0 |
| Nettowinst | 114 | 0 |
Als gevolg van de verwerving van zeggenschap over BICS vanaf 1 januari 2010, wordt BICS vanaf die datum integraal geconsolideerd (zie toelichting 6.4)
Toelichting 6.3. Deelnemingen in geassocieerde ondernemingen
De Groep heeft een invloed van betekenis in de volgende ondernemingen.
| Naam | Maatschappelijke zetel | Land | Aandeel van de Groep | |
|---|---|---|---|---|
| 2009 | 2010 | |||
| Tunz.com NV | Chaussée de La Hulpe 185 1170 Watermaal-Boosvorde BTW BE 0886.476.763 |
België | 40% | 40% |
| ClearMedia NV | Zagerijstraat 11 2961 Brecht BTW BE 0831.425.897 |
België | - | 40% |
Toelichting 6.4. Aanschaffingen en verkopen van dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen
Inbreng in natura van MTN Dubai in BICS in 2009
Op 30 november 2009 heeft MTN Dubai een inbreng gedaan van zijn internationale carrier activa in ruil voor 20% aandeelhouderschap in BICS en dochterondernemingen van BICS. Deze activa werden door MTN Dubai ingebracht aan reële waarde en omvatten hoofdzakelijk het internationale carrier klantenbestand. De verwatering van het groepsaandeel in BICS en dochterondernemingen van BICS van 72% naar 57,6% resulteerde in een verkoop van netto activa voor een bedrag van 4 miljoen EUR en de erkenning van een verwateringswinst van 74 miljoen EUR, weergegeven als niet-recurrente opbrengsten (zie toelichting 22).
Tot op 31 december 2009 werd BICS geconsolideerd volgens de proportionele methode aangezien Belgacom, Swisscom en MTN Dubai tot op die datum gemeenschappelijk zeggenschap behielden doordat ze unaniem beslisten over operationele en financiële activiteiten tot 31 december 2009.
Verwerving van zeggenschap over BICS op 1 januari 2010
Vanaf 1 januari 2010 voorziet de aandeelhoudersovereenkomst van BICS in nieuwe besluitvormingsregels en een "deadlock" procedure die van kracht zijn vanaf 1 januari 2010 en die de Groep doet besluiten dat hij zeggenschap verwerft over BICS vanaf die datum. Als gevolg hiervan en in toepassing van de herziene IFRS 3, wordt BICS integraal geconsolideerd vanaf 1 januari 2010 en werd het eerder aangehouden belang geherwaardeerd naar reële waarde. De Groep heeft de waarde van dit belang geschat op 564 miljoen EUR door toepassing van waarderingsmethodes, zoals geactualiseerde kasstromen met eindwaarde. De Groep heeft geen immateriële vaste activa geidentificeerd die niet individueel afscheidbaar zijn en die niet op een betrouwbare manier kunnen gewaardeerd worden omwille van hun aard. De resulterende niet-recurrente opbrengst bedraagt 436 miljoen EUR. De Groep heeft er niet voor gekozen full goodwill toe te passen voor deze overname. Dit betekent dat minderheidsbelangen niet worden gewaardeerd aan reële waarde. Er werden geen eigen vermogensinstrumenten uitgegeven als deel van de kost.
De reële waarde van de identificeerbare activa en passiva van de BICS Groep op datum van de overname en de corresponderende boekwaarde onmiddellijk voor de overname bedroegen:
| (in miljoen EUR) | Reële waarde erkend op verwervings datum |
Boekwaarde |
|---|---|---|
| Immateriële vaste activa met beperkte levensduur | 639 | 156 |
| Materiële vaste activa | 7 7 |
7 7 |
| Handelsvorderingen Terug te vorderen belastingen |
366 2 |
366 2 |
| Andere vlottende activa | 2 4 |
2 4 |
| Beleggingen en geldmiddelen en kasequivalenten | 121 | 121 |
| TOTAAL ACTIVA | 1.229 | 746 |
| Schulden voor pensioenen en beëindigingsvoordelen | -2 | 0 |
| Voorzieningen en voorwaardelijke verplichtingen | -5 | -5 |
| Uitgestelde belastingschulden | -166 | -2 |
| Handelsschulden | -419 | -419 |
| Belastingschulden | -8 | -8 |
| Andere kortetermijnschulden | -101 | -101 |
| Totaal minderheidsbelangen en schulden | -700 | -536 |
| Netto activa | 529 | 210 |
| Minderheidsbelangen | -217 | -82 |
| Netto verworven activa | 312 | 128 |
| Goodwill ontstaan bij verwerving | 252 | |
| Geherwaardeerd voordien aangehouden belang aan reële waarde | 564 | |
| De netto kasuitstroom bij verwerving is als volgt: | ||
| Betaalde vergoeding | 0 | |
| Ontvangen geldmiddelen en kasequivalenten | 121 | |
| Onbetaalde bedragen | 0 | |
| Netto kasuitstroom | 121 |
In 2009 was BICS onder gezamenlijk zeggenschap. Door de overgang van proportionele consolidatie methode per 31 december 2009 naar integrale consolidatie per 1/1/2010 zijn de kasmiddelen gestegen met 51 miljoen EUR.
Op datum van overname bedroegen de handelsvorderingen 410 miljoen EUR (nominale waarde) en de waardecorrectie voor dubieuze debiteuren 43 miljoen EUR. Bij het toewijzen van de vergoeding werden geen voorwaardelijke verplichingen erkend.
Andere overnames in 2010
In 2010 heeft de Groep MBS TELECOM NV verworven voor 2 miljoen EUR en Sahara Net LCC (Saudi-Arabië) voor 5 miljoen EUR. De reële waarde van d e identificeerbare activa e n passiva van deze aanschaffingen o p datum van d e overname e n
de corresponderende boekwaarde onmiddellijk vóór de overname bedroegen:
| (in miljoen EUR) | Reële waarde erkend op verwervings datum |
Boekwaarde |
|---|---|---|
| Immateriële vaste activa met beperkte levensduur Materiële vaste activa Handelsvorderingen Andere vlottende activa Beleggingen en geldmiddelen en kasequivalenten |
2 1 3 2 3 |
0 1 3 2 3 |
| TOTAAL ACTIVA Handelsschulden |
1 1 -6 |
9 -6 |
| Andere kortetermijnschulden | -3 | -3 |
| Totaal minderheidsbelangen en schulden | - 9 |
- 9 |
| Netto verworven activa | 2 | 0 |
| Goodwill ontstaan bij verwerving | 5 | |
| Vergoeding | 7 | |
| De vergoeding is als volgt samengesteld: Cash betaald aan aandeelhouders Vergoeding |
7 7 |
|
| De netto kasuitstroom bij verwerving is als volgt: Betaalde vergoeding Ontvangen geldmiddelen en kasequivalenten Netto kasuitstroom |
7 -3 4 |
Verkopen in 2009
In 2009 verkocht de Groep zijn deelneming in Telindus Thailand Ltd en All Communications AG en de WIN activiteit van Belgacom W NV. Deze verkopen resulteerden in de erkenning van een verlies van 2 miljoen EUR.
De netto activa die in 2009 in het kader van bovenvermelde transacties van d e hand werden gedaan worden samengevat als volgt:
| (in miljoen EUR) | Verkopen van 2009 |
|---|---|
| Verkochte vaste activa Verkochte vlottende activa, exclusief geldmiddelen en kasequivalenten Verkochte geldmiddelen en kasequivalenten Verkochte kortetermijnschulden Verkochte netto activa |
0 3 4 -1 6 |
| Ontvangen vergoeding, na aftrek van transactiekosten | 3 |
| Winst/(verlies) op verkoop | - 2 |
| De netto uitstroom van kasmiddelen uit de verkoop is als volgt: | |
| Ontvangen geldmiddelen Afgestane geldmiddelen en kasequivalenten Netto kasuitstroom |
3 -4 - 1 |
Er vonden geen andere noemenswaardige aanschaffingen, verkopen of wijzigingen van deelnemingspercentages in dochterondernemingen, joint-ventures of geassocieerde ondernemingen plaats gedurende de twee gepresenteerde jaren.
Toelichting 7. Andere deelnemingen
De andere deelnemingen bevatten enkel de deelnemingen waarover de Groep geen zeggenschap, gezamenlijk zeggenschap of invloed van betekenis uitoefent.
De andere deelnemingen zijn als volgt:
| De andere deelnemingen zijn als volgt: | ||
|---|---|---|
| Per 31 december | ||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Niet-genoteerde aandelen | 1 | 2 6 |
| Totaal | 1 | 2 6 |
De netto boekwaarden van de andere deelnemingen zijn gewijzigd als volgt:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Netto boekwaarde op 1 januari | 1 | 1 |
| Aanschaffingen | 0 | 2 5 |
| Totaal | 1 | 2 6 |
| Per 31 december | ||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Aanschaffingswaarde | 9 | 3 3 |
| Gecumuleerde waardeverminderingen | -9 | -7 |
| Netto boekwaarde | 1 | 2 6 |
In 2010 verwierf de Groep minderheidsbelangen in Onlive Inc, In3Depth Systems NV en Jinny Media Ltd voor een totaal bedrag van 25 miljoen Eur.
Toelichting 8. Winstbelasting
De bruto uitgestelde belastingvorderingen / (schulden) betreffen:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Uitgestelde belastingschulden | ||
| Versnelde afschrijvingen voor fiscale doeleinden | -41 | -16 |
| Reële waarde aanpassingen met betrekking tot acquisities | -25 | -172 |
| Statutaire voorzieningen, niet weerhouden onder IFRS | -14 | -15 |
| Herwaardering van financiële instrumenten naar de reële waarde | -1 | 0 |
| Uitgestelde belastingen op de verkopen van materiële vaste activa | -5 | -5 |
| Andere | -25 | -16 |
| Bruto uitgestelde belastingschulden | -111 | -223 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | ||
| Versnelde afschrijvingen voor fiscale doeleinden | 4 3 |
4 3 |
| Herwaardering van financiële instrumenten naar de reële waarde | 7 | 7 |
| Schuld voor vergoedingen na uitdiensttreding en beëindigingsvoordelen | 158 | 119 |
| Overdraagbare fiscale verliezen | 5 5 |
1 0 |
| Kapitaalverlies op investeringen in dochterondernemingen | 4 1 |
1 |
| Andere | 1 8 |
1 4 |
| Bruto uitgestelde belastingvorderingen | 321 | 195 |
| De netto uitgestelde belastingvorderingen/(schulden), gegroepeerd per wettelijke entiteit, zijn als volgt : | ||
| Netto uitgestelde belastingschulden | -86 | -187 |
| Netto uitgestelde belastingvorderingen | 295 | 158 |
De Groep heeft overdraagbare fiscale verliezen in België die onbeperkt beschikbaar zijn om toekomstige fiscale winsten van ondernemingen waarin deze verliezen zich hebben voorgedaan, te compenseren.
De gecumuleerde fiscale verliezen die Belgacom NV had opgebouwd ondermeer als gevolg de eenmalige uitgaven mbt herstructureringsprogramma"s en van de overdracht van de pensioenverplichtingen voor statutaire werknemers in 2003 zijn volledig verrekend in 2010.
Uitgestelde belastingvorderingen werden niet erkend voor de verliezen van dochterondernemingen die reeds verschillende jaren verlieslatend zijn. De gecumuleerde overdraagbare fiscale verliezen en belastingskredieten beschikbaar voor deze ondernemingen bedroegen 226 miljoen EUR op 31 december 2010 (EUR 306 miljoen in 2009) waarvan 168 miljoen EUR geen vervaldag hebben, 17 miljoen EUR en 20 miljoen EUR vervallen respectievelijk in 2014 en 2015 en 21 miljoen EUR heeft een latere vervaldatum.
Het aandeel van Belgacom in de niet-uitgekeerde beschikbare reserves van dochterondernemingen bedraagt 5.940 miljoen EUR op 31 december 2010 (4.930 miljoen in 2009) en is bij uitkering aan de moedermaatschappij belastbaar tegen een effectief belastingpercentage van 1,7%. Er wordt geen uitgestelde belastingschuld erkend voor deze niet-uitgekeerde beschikbare reserves, behalve wanneer er een beslissing wordt genomen om deze overgedragen winst uit te keren i.e. wanneer het filiaal van plan is een dividend uit te keren.
| De uitgestelde belastingopbrengsten/(kosten) in de resultatenrekening betreffen: | ||
|---|---|---|
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| M.b.t. de uitgestelde belastingschulden Versnelde afschrijvingen voor fiscale doeleinden Reële waarde aanpassingen met betrekking tot acquisities Overbodige schulden Herwaardering van financiële instrumenten naar de reële waarde Andere |
-23 9 0 1 -6 |
2 6 1 8 -1 1 9 |
| M.b.t. de uitgestelde belastingvorderingen Versnelde afschrijvingen voor fiscale doeleinden Herwaardering van financiële instrumenten naar de reële waarde Schuld voor vergoedingen na uitdiensttreding en beëindigingsvoordelen Overdraagbare fiscale verliezen Kapitaalverlies op investeringen in dochterondernemingen Andere |
3 1 -33 -31 4 0 -6 |
0 -1 -39 -45 -40 -3 |
| Uitgestelde belastingslasten van het jaar | -46 | -75 |
De uitgestelde belastingschulden stegen in 2009 met 4 miljoen EUR en met 166 miljoen EUR in 2010 als gevolg van de aankoopprijstoewijzing van bedrijfscombinaties, en meer bepaald door de overname van Tango en Scarlet in 2009 en BICS in 2010.
De geconsolideerde resultatenrekening omvat de volgende belastinglasten:
| Per 31 december | |
|---|---|
| 2010 | |
| -160 | |
| 5 | 1 |
| -14 | -30 |
| -31 | -45 |
| -241 | -233 |
| n d | e belastingen o p |
| 2009 -200 e wettelijke aanslagvoet e de winst tegen de reële aanslagvoet van de Groep voor elk van de twee jaren eindigend op 31 december is als volgt: |
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Winst vóór belastingen | 1.144 | 1.517 |
| Tegen de Belgische wettelijke aanslagvoet van 33,99% | 389 | 516 |
| Lagere inkomstenbelastingspercentage van andere landen | -4 | -2 |
| Belastingeffect van de verkopen van dochterondernemingen en andere deelnemingen | -25 | -148 |
| Belastingeffect van de kapitaalverliezen uit investeringen in dochterondernemingen | -40 | -7 |
| Niet-belastbare winst uit dochterondernemingen en notionele interestaftrek | -96 | -128 |
| Fiscaal niet-aftrekbare uitgaven | 5 4 |
9 |
| Andere | -37 | -6 |
| Belastingkost | 241 | 233 |
| Reële aanslagvoet | 21,03% | 15,39% |
De niet-belastbare winst uit dochterondernemingen resulteert voornamelijk uit de toepassing van de algemene principes van de fiscale wetgeving zoals de notionele interestaftrek in België.
Het belastingeffect van de verkoop van dochterondernemingen en andere ondernemingen betreft de belastingvrijstelling van de meerwaarde die de Groep erkende als gevolg van de inbreng in natura door MTN in BICS in 2009 en de herwaardering van het voordien aangehouden belang in BICS in 2010 (zie toelichting 6.4 en 22).
Het belastingeffect van de minderwaarden op investeringen in dochterondernemingen betreft hoofdzakelijk de erkenning van belastingvorderingen voor dochterondernemingen in liquidatie.
De fiscaal niet-aftrekbare uitgaven omvatten voornamelijk diverse uitgaven die niet aftrekbaar zijn voor fiscale doeleinden en niet-erkende overgedragen fiscale verliezen.
Andere aanpassingen voor het jaar 2009 houden vooral verband met de erkenning van fiscale verliezen als gevolg van een beslissing van het Europees Hof van Justitie inzake het belastingsregime voor ontvangen dividenden van dochterondernemingen.
Het belastingseffect van elke element van de niet-gerealiseerde resultaten is als volgt:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Eigen vermogen toename uit herwaardering aan reële waarde van voor verkoop beschikbare financiële activa |
0 | 2 |
| Totaal | 0 | 2 |
Toelichting 9. Activa en schulden voor pensioenen, andere vergoedingen na uitdiensttreding en beëindigingsvoordelen.
De Groep heeft verschillende plannen waarvan hieronder een overzicht wordt weergegeven:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen in verband met herstructureringsprogramma's | 469 | 351 |
| Aanvullende pensioenplannen (nettoschuld) | 1 | 1 |
| Andere vergoedingen na uitdiensttreding andere dan pensioenen | 191 | 196 |
| Andere schulden | 1 6 |
1 5 |
| Nettoschuld opgenomen in de balans | 677 | 563 |
| Aanvullende pensioenplannen (nettoactiva) | -2 | -2 |
| Nettoactiva opgenomen in de balans | -2 | -2 |
| De |
De berekening van de nettoschulden is gebaseerd op de assumpties die werden vastgelegd op de balansdatum. De assumpties voor de verschillende plannen werden bepaald op basis van macro-economische gegevens en de specifieke voorwaarden inzake duur en begunstigde populatie van elk plan, met als doel de meest relevante inschatting van de verwachte kasuitstromen te maken.
Toelichting 9.1. Beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen in verband met herstructureringsprogramma's
Beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen in deze toelichting hebben betrekking op werknemersherstructureringsprogramma"s. Er worden geen activa opgebouwd voor deze voordelen.
In 2002 heeft Belgacom NV het werknemersherstructureringsprogramma Belgacom e-Strategic Transformation ("BeST") doorgevoerd. Volgens de voorwaarden van het programma, zal de Groep gegarandeerde salarissen betalen tot het jaar 2012.
In 2005 heeft de Groep een afvloeiingsplan en een eindeloopbaan oplossing (peterschap) geïmplementeerd. Volgens de voorwaarden van het programma, zal de Groep vergoedingen betalen tot het jaar 2015.
In 2007 heeft de Groep een vrijwillig programma van externe mobiliteit naar de Belgische Staat geïmplementeerd voor zijn statutaire werknemers.
In 2008 is de schuld van de Groep inzake herstructureringsprogramma"s met 53 miljoen EUR gestegen, erkend als nietrecurrente kost in de resultatenrekening. Deze stijging geeft de impact weer van de evolutie van de index in 2008 op alle salariscomponenten van alle herstructureringsprogramma"s (19 miljoen EUR), en van het succes van het externe mobiliteitsprogramma opgestart in 2007 (34 miljoen EUR)
In 2009 implementeerde de Groep een herstructureringsprogramma voor werknemers in dochterondernemingen hetgeen resulteerde in een niet-recurrente kost van 7,5 miljoen EUR (zie toelichting 26).
In 2010 heeft de Groep bijkomende voorwaarden ingevoerd om te kunnen genieten van een vertrekpremie voor de deelnemers aan het vrijwillig programma van externe mobiliteit dat in 2007 werd geïmplementeerd. Dit heeft geleid tot een verminderd aantal vrijwilligers. De gecombineerde impact van deze verandering en het herzien van de discontovoet van alle beëindigingsprogramma"s heeft geleid tot een daling van de provisie met 8 miljoen EUR welke werd erkend als niet-recurrente kosten (zie toelichting 26)
Elke herwaardering van de schuld voor beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen wordt onmiddellijk in de resultatenrekening erkend.
De financieringstoestand van de plannen voor beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen is als volgt :
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | |
| Bruto pensioenschuld | 469 | 351 | |
| Schuld die de fondsbeleggingen overschrijdt | 469 | 351 | |
| De volgende kostencomponenten zijn opgenomen in de resultatenrekening: | |||
| Boekjaar afgesloten op 31 december | |||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | |
| Interestkost | 2 0 |
1 0 |
|
| Erkende actuariële verliezen | 0 | -8 | |
| Kosten opgenomen in de resultatenrekening voor inperkingen, stopzettingskosten en speciale | |||
| beëindigingsvoordelen | 2 0 |
2 | |
| Speciale beëindigingsvoordelen | 7 | 0 | |
| Kosten opgenomen in de resultatenrekening | 2 7 |
2 | |
| De beweging van de nettoschuld werd als volgt opgenomen in de balans: | |||
| Per 31 december | |||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | |
| In het begin van het jaar | 569 | 469 | |
| Kosten van het boekjaar | 2 7 |
2 | |
| Bedrijfscombinaties | 1 | ||
| Reële werkgeversbijdrage | -126 | -121 | |
| Op het einde van het jaar | 469 | 351 |
Wijziging in de fondsbeleggingen :
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | |
| In het begin van het jaar | 0 | 0 | |
| Reële werkgeversbijdrage | 126 | 121 | |
| Uitkeringen aan begunstigden | -126 | -121 | |
| Op het einde van het jaar | 0 | 0 | |
| Wijziging in de bruto schuld: | |||
| Per 31 december | |||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | |
| In het begin van het jaar | 569 | 469 | |
| Interestkost | 2 0 |
1 0 |
|
| Erkende actuariële (winst) / verliezen | 0 | -8 | |
| Speciale beëindigingsvoordelen | 7 | 0 | |
| Bedrijfscombinaties | 0 | 1 | |
| Uitkeringen aan begunstigden | -126 | -121 | |
| Op het einde van het jaar | 469 | 351 |
De schuld voor beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen werd bepaald op basis van de volgende assumpties:
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| 2009 | 2010 | ||
| Discontovoet | 2.6 %- 4.5% | 2.6 %- 4.5% | |
| Toekomstige prijsinflatie | 2,00% | 2,00% |
Sensitiviteitsanalyse
Een verhoging of verlaging van 0,5% van de werkelijke discontovoet resulteert in een schuldvariatie van ongeveer 3 miljoen EUR.
De Groep voorziet dat een bedrag van 108 miljoen EUR zal betaald worden als beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen in 2011.
Toelichting 9.2. Aanvullende pensioenplannen
Belgacom NV en sommige dochterondernemingen hebben een aanvullend pensioenplan (te bereiken doel) voor hun personeelsleden. Dit plan verstrekt pensioenvoordelen voor diensten geleverd vanaf 1 januari 1997. Het desbetreffende afzonderlijk beheerde pensioenfonds werd in 1998 opgericht. Het pensioenfonds van Belgacom Mobile, opgericht in 2001, is gefusioneerd met het pensioenplan van Belgacom NV in 2009.
Telindus BV, een dochteronderneming gevestigd in Nederland, heeft een aanvullend pensioenfonds voor haar personeelsleden (te bereiken doel). Dit fonds wordt gefinancierd via een verzekeringsmaatschappij.
De financieringstoestand van de pensioenplannen is als volgt:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Bruto pensioenschuld | 196 | 239 |
| Fondsbeleggingen tegen reële waarde | -172 | -211 |
| Tekort / (surplus) | 2 3 |
2 8 |
| Niet-erkende actuariële winst / (verliezen) | -24 | -29 |
| Tekort / (surplus) na niet-erkende actuariële winst / (verliezen) samengesteld uit: | -1 | -1 |
| Nettoschuld opgenomen in de balans | 1 | 1 |
| Nettoactiva opgenomen in de balans | -2 | -2 |
| Per 31 december | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 |
| Bruto pensioenschuld Fondsbeleggingen tegen reële waarde |
4 -3 |
5 -4 |
168 -131 |
196 -172 |
239 -211 |
| Tekort / (surplus) | 1 | 0 | 3 7 |
2 3 |
2 8 |
| Ervaringsaanpassing op verplichtingen : winst / (verlies) | 3 | 0 | 1 0 |
2 | -10 |
| Ervaringsaanpassing op fondsbeleggingen : winst / (verlies) | -1 | 0 | -45 | 1 0 |
5 |
(in miljoen EUR) Servicekost - werkgever 2 4 2 5 Interestkost 9 1 1 Verwacht rendement op fondsbeleggingen -10 -11 Erkend actuarieel verlies / (winst) 1 0 Kosten opgenomen in de resultatenrekening 2 4 2 5 De volgende kostencomponenten zijn opgenomen in de resultatenrekening: 2009 2010 Boekjaar afgesloten op 31 december
| De beweging van de nettoschuld/(nettoactiva) werd als volgt opgenomen in de balans: | |||
|---|---|---|---|
| Per 31 december | |||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | |
| In het begin van het jaar | 0 | -1 | |
| Kosten van het boekjaar | 2 4 |
2 5 |
|
| Reële werkgeversbijdrage | -25 | -25 | |
| Tekort / (surplus) na niet-erkende actuariële winst / (verliezen) samengesteld uit: | -1 | -1 | |
| Nettoschuld op het einde van het jaar | 1 | 1 | |
Nettoactiva op het einde van het jaar -2 -2
| Wijziging in de fondsbeleggingen : | Per 31 december | |
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| In het begin van het jaar | 131 | 172 |
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen | 1 0 |
1 1 |
| Actuariële winsten / (verliezen) op de fondsbeleggingen | 1 0 |
5 |
| Reële werkgeversbijdrage | 2 5 |
2 5 |
| Uitkeringen aan begunstigden en kosten | -3 | -3 |
| Op het einde van het jaar | 172 | 211 |
| Wijziging in de bruto schuld: | Per 31 december | |
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| In het begin van het jaar Servicekost |
168 2 4 |
196 2 5 |
| Interestkost | 9 | 1 1 |
| Uitkeringen aan begunstigden en kosten | -3 | -3 |
| Actuarieel verlies / (winst) | -2 | 1 0 |
| Op het einde van het jaar | 196 | 239 |
De pensioenschuld werd bepaald op basis van de volgende assumpties:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| 2009 | 2010 | |
| Discontovoet | 5,50% | 5,00% |
| Verwacht rendement van de activa van de plannen | 3.25% - 6.20% | 2.25 % -6.2% |
| Toekomstige prijsinflatie | 2,00% | 2,00% |
| Nominaal toekomstige loonsverhoging | 2.00% - 4.50% | 2.00% - 4.50% |
| Nominaal toekomstige barema-stijging | 2.00% - 3.95% | 2.00% - 3.95% |
De verwachte opbrengst van de activa van de plannen (fondsbeleggingen) is een raming gebaseerd op marktgegevens en toekomstige langetermijnverwachtingen.
Deze houdt eveneens rekening met de activatoewijzing van het pensioenplan die kan evolueren over de tijd, afhankelijk van de gerealiseerde en toekomstige verwachte opbrengsten. De activa van de pensioenenplannen zijn als volgt:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| 2009 | 2010 | |
| Aandelen | 45% | 49% |
| Vast rentende effecten : obligaties en liquide middelen | 52% | 44% |
| Verzekeringsbeleggingen (voor plan van Telindus BV) | 3% | 7% |
| Het reële rendement van de activa van de plannen | ||
| Het reële rendement van de activa van de plannen | ||
|---|---|---|
| Per 31 december | ||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Reële rendement van de activa van de plannen | 2 0 |
1 6 |
De Groep verwacht in 2011 29 miljoen EUR bij te dragen aan deze pensioenplannen.
Toelichting 9.3. Andere vergoedingen na uitdiensttreding
Historisch kent de Groep haar gepensioneerden naast de pensioenen andere voordelen toe onder de vorm van kortingen op treintickets, een hospitalisatieverzekering, en een socio-culturele premie. Alle vergoedingen na uitdiensttreding (andere dan pensioenen) worden rechtstreeks door de Groep uitbetaald aan de gepensioneerden en om die reden worden er geen activa opgebouwd voor dergelijke voordelen
De financieringstoestand van de plannen is als volgt:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Bruto pensioenschuld | 238 | 253 |
| Fondsbeleggingen tegen reële waarde | 0 | 0 |
| Schuld die de fondsbeleggingen overschrijdt | 238 | 253 |
| Niet-erkende actuariële verliezen | -45 | -55 |
| Niet-erkende servicekost van vroegere dienstjaren | -2 | -2 |
| Nettoschuld opgenomen in de balans | 191 | 196 |
| Nettoschuld opgenomen in de balans | 191 | 196 | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Historische gegevens | ||||||
| Per 31 december | ||||||
| (in miljoen EUR) | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | |
| Bruto pensioenschuld | 4 | 6 9 |
235 | 238 | 253 | |
| Schuld die de fondsbeleggingen overschrijdt | 1 | 6 9 |
235 | 238 | 253 | |
| Ervaringsaanpassing op verplichtingen : winst / (verlies) | 3 | 0 | 2 | 0 | -12 |
De historiek van ervaringsaanpassingen is als volgt:
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | |
| Bruto pensioenschuld | 238 | 253 | |
| Schuld die de fondsbeleggingen overschrijdt | 238 | 253 | |
| Ervaringsaanpassing op verplichtingen : winst / (verlies) | 0 | -12 |
(in miljoen EUR) Servicekost - werkgever 2 2 Interestkost 1 3 1 3 Erkende actuariële verliezen 2 1 Kosten opgenomen in de resultatenrekening 1 7 1 7 Boekjaar afgesloten op 31 december 2009 2010 De volgende kostencomponenten zijn opgenomen in de resultatenrekening:
| De beweging van de nettoschuld werd als volgt opgenomen in de balans: | ||
|---|---|---|
| Per 31 december | ||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| In het begin van het jaar | 185 | 191 |
| Kosten van het boekjaar | 1 7 |
1 7 |
| Reële werkgeversbijdrage | -11 | -12 |
| Op het einde van het jaar | 191 | 196 |
| Wijziging in de fondsbeleggingen : | |||
|---|---|---|---|
| Per 31 december | |||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 | |
| In het begin van het jaar | 0 | 0 | |
| Reële werkgeversbijdrage | -11 | -12 | |
| Uitkeringen aan begunstigden | 1 1 |
1 2 |
|
| Op het einde van het jaar | 0 | 0 |
| Wijziging in de bruto schuld: | ||
|---|---|---|
| Per 31 december | ||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| In het begin van het jaar | 235 | 238 |
| Servicekost | 2 | 2 |
| Interestkost | 1 3 |
1 3 |
| Uitkeringen aan begunstigden | -11 | -12 |
| Actuariële (winsten)/verliezen | 0 | 1 2 |
| Op het einde van het jaar | 238 | 253 |
De schuld voor andere vergoedingen na uitdiensttreding werd bepaald op basis van de volgende assumpties:
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| 2009 | 2010 | |
| Discontovoet | 5,50% | 5,00% |
| Toekomstige kostenevolutie | 2.00% - 4.00% | 2.00% - 4.00% |
| Toekomstige prijsinflatie | 2,00% | 2,00% |
De schuld voor de andere vergoedingen na uitdiensttreding werd bepaald op basis van de officiële Belgische sterftetafels, gecorrigeerd voor het sterfteverloop van de statutaire gepensioneerden.
Sensitiviteitsanalyse
Een stijging of een daling van 1% in de trend van de medische kosten zou resulteren in respectievelijk een stijging van 20 miljoen EUR of een daling van 16 miljoen EUR van de bruto schuld en in een stijging of een daling van de kost (service en interestkost) van het jaar met 1 miljoen EUR.
De Groep verwacht in 2011 om een bedrag van 13 miljoen EUR aan deze plannen bij te dragen.
Toelichting 9.4. Overige verplichtingen
De Groep heeft een wettelijke verplichting om kinderbijslagen uit te betalen aan een beperkt aantal statutaire gepensioneerden en aan de begunstigden van werknemersherstructureringsprogramma"s.
Telindus Frankrijk heeft een wettelijke verplichting, in overeenstemming met de locale wetgeving in Frankrijk, om éénmalig een vergoeding na uitdiensttreding uit te betalen.
Deze bedragen worden rechtstreeks door de Groep uitbetaald en daardoor worden er geen activa opgebouwd voor dergelijke voordelen. Herwaarderingen van de schuld worden onmiddellijk opgenomen in de resultatenrekening.
| voordelen. Herwaarderingen van de schuld worden onmiddellijk opgenomen in de resultatenrekening. | ||
|---|---|---|
| De financieringstoestand is als volgt: | ||
| Per 31 december | ||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Bruto pensioenschuld | 1 6 |
1 5 |
| Nettoschuld opgenomen in de balans | 1 6 |
1 5 |
De schuld werd bepaald op basis van de volgende assumpties:
| 2009 | 2010 | |
|---|---|---|
| Discontovoet | 4.00% - 5.00% | 3,75% |
| Toekomstige prijsinflatie | 2,00% | 2,00% |
Toelichting 10. Andere vaste activa
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| Andere derivaten | 3 1 |
5 8 |
106 |
| Lange termijnbeleggingen | 5 | 5 | |
| Andere financiële activa | 1 2 |
1 1 |
|
| Totaal | 7 5 |
122 |
Toelichting 11. Handelsvorderingen
De meeste handelsvorderingen zijn niet rentedragend en hebben over het algemeen een looptijd van 30 tot 90 dagen. De looptijd van de handelsvorderingen van het segment International Carrier Services is echter langer aangezien de meeste vorderingen op andere telecom operatoren worden betaald op basis van netting akkoorden.
De analyse van de vervallen handelsvorderingen waarop geen waardevermindering werd geboekt, stelt zich voor als volgt:
| Per 31 december |
Bruto vorderingen |
Waardever- minderingen voor dubieuze vorderingen |
Netto boekwaarde |
Niet vervallen en niet onderworpen aan waardevermi ndering |
Vervallen maar niet onderworpen aan waardevermindering | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) |
< 30 dagen 30-60 dagen 60-90 dagen 90-180 dagen180-360 dagen> 360 dagen | |||||||||
| 2009 | 1.209 | -120 | 1.089 | 858 | 102 | 3 4 |
1 5 |
2 8 |
1 4 |
3 7 |
| 2010 | 1.389 | -143 | 1.246 | 923 | 8 4 |
4 4 |
2 9 |
4 5 |
4 7 |
7 3 |
Op 31 december 2009, en 2010, waren respectievelijk 79% en 74% van het totaal van de handelsvorderingen niet vervallen en zonder waardevermindering.
Voor de twee voorgestelde jaren werd geen enkele handelsvordering als waarborg gegeven. In 2010 heeft Belgacom Groep waarborgen gekregen voor een bedrag van 20 miljoen EUR (19 miljoen EUR in 2009) als onderpand voor openstaande facturen. Deze waarborgen zijn typisch in de vorm van bankwaarborgen of waarborgen van moederondernemingen. Op balansdatum werden deze kaswaarborgen noch verkocht, noch als waarborgen getransfereerd.
| De evolutie van de waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen is als volgt: | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| Op 1 januari | -145 | -120 | |
| (Toename) / daling erkend in resultatenrekening Verkopen van dochterondernemingen Andere bewegingen |
2 5 |
2 6 1 6 |
-8 0 -15 |
| Per 31 december | -120 | -143 |
Toelichting 12. Andere vlottende activa
| Toelichting 12. Andere vlottende activa | ||
|---|---|---|
| Per 31 december | ||
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Terug te vorderen B.T.W. | 2 2 |
7 |
| Andere derivaten | 2 | 1 |
| Over te dragen kosten | 108 | 100 |
| Verkregen opbrengsten | 1 8 |
1 9 |
| Andere vorderingen | 4 5 |
1 4 |
| Totaal | 194 | 142 |
Toelichting 13. Beleggingen
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| Vastrentende effecten | 0 | 0 | |
| Aandelen | 3 1 |
7 6 |
4 3 |
| Totaal | 7 6 |
4 3 |
|
De aandelen omvatten beveks en fondsen die hoofdzakelijk werden geïnvesteerd in geldmarktinstrumenten, euro-obligaties en eigen vermogensinstrumenten.
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| Netto boekwaarde op 1 januari | 5 3 |
7 6 |
|
| Aanschaffingen Verkopen |
3 4 -12 |
3 8 -64 |
|
| Herwaardering aan reële waarde Uit vermogen Overdracht naar resultatenrekening bij verkoop |
2 8 |
1 0 |
0 -7 |
| Boekwaarde op 31 december | 7 6 |
4 3 |
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Aanschaffingswaarde | 7 1 |
4 3 |
| Gecumuleerde herwaardering aan reële waarde | 7 | 0 |
| Gecumuleerde waardeverminderingen | -1 | 0 |
| Netto boekwaarde | 7 6 |
4 3 |
Toelichting 14. Geldmiddelen en kasequivalenten
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Vastrentende effecten | 208 | 332 |
| Kortetermijndeposito's | 6 6 |
195 |
| Kas en banktegoeden | 5 8 |
5 7 |
| Totaal | 332 | 584 |
De Groep investeert een deel van zijn beschikbare liquiditeiten in schatkistcertificaten. Deze worden tot het einde van de looptijd aangehouden. De kortetermijndeposito"s worden belegd voor periodes die variëren van één tot drie maanden afhankelijk van de onmiddellijke cashbehoeften van de Groep en brengen interest op volgens de respectieve rentevoeten van de korte termijndeposito"s. De banktegoeden brengen interest op tegen variabele rentevoeten op basis van de dagelijkse bankdepositorente.
Toelichting 15. Vermogen
Toelichting 15.1. Eigen vermogen
Per 31 december 2010 bedroeg het kapitaal van Belgacom NV 1 miljard EUR (volledig volstort), vertegenwoordigd door 338.025.135 aandelen zonder nominale waarde en allen met dezelfde rechten voor zover deze rechten niet geschorst of vernietigd werden in geval het eigen aandelen betrof. De Raad van Bestuur van Belgacom NV is bevoegd om het kapitaal te verhogen met een maximum bedrag van 200 miljoen EUR.
De uitkering van overgedragen winsten van Belgacom NV, de moedermaatschappij, wordt beperkt door een wettelijke reserve, die tijdens de vorige jaren werd opgebouwd in overeenstemming met de Belgische vennootschappenwet, tot 10% van het geplaatste kapitaal van Belgacom.
Belgacom NV heeft de statutaire verplichting om 5% van de winst vóór belastingen van de moedermaatschappij te verdelen onder haar werknemers. In de bijgaande geconsolideerde jaarrekening wordt deze winstverdeling geboekt als personeelskosten.
Op 31 december 2010 had de Groep 16.542.494 eigen aandelen, waarvan 2.824.690 met een geschorst recht op dividenden en 13.717.804 zonder recht op dividenden. De dividenden die toegekend zijn aan eigen aandelen met geschorste dividendrechten, worden geboekt onder de rubriek "Onbeschikbare reserve voor verdeling" in de enkelvoudige jaarrekening van Belgacom NV.
In 2009 en 2010 verkocht de Groep respectievelijk 221.238 en 294.304 eigen aandelen aan haar senior management voor respectievelijk 4 miljoen en 6 miljoen EUR, onder een aandelenaankoopplan met korting van 16,67% (zie toelichting 35).
De personeelsleden oefenden in 2009 en 2010 respectievelijk 59.184 en 573.654 opties op aandelen uit. Om deze uitoefening van aandelenopties te verwezenlijken, gebruikte de Groep eigen aandelen (zie toelichting 35).
In 2009 kende de Groep 1.008.021 opties op aandelen toe aan het top management en aan het senior management, met een uitoefenprijs van 22,71 EUR. In 2010 kende de Groep 1.023.210 opties op aandelen toe aan het top management en het senior management, met een uitoefenprijs van 26,445 EUR (zie toelichting 35).
| Aantal aandelen (inclusief eigen aandelen): | 2009 | 2010 |
|---|---|---|
| Op 1 januari | 338.025.135 | 338.025.135 |
| Vernietigingen | 0 | 0 |
| Per 31 december | 338.025.135 | 338.025.135 |
| Aantal eigen aandelen: | 2009 | 2010 |
| Op 1 januari | 17.690.874 | 17.410.452 |
| Verkoop onder een aandelenaankoopplan met korting | -221.238 | -294.304 |
| Uitoefening van opties op aandelen | -59.184 | -573.654 |
| Per 31 december | 17.410.452 | 16.542.494 |
Toelichting 15.2. Minderheidsbelangen
Minderheidsbelangen omvatten voornamelijk het aandeel van 42,4% van de minderheidsaandeelhouders in BICS, Swisscom en MTN Dubai vanaf 1 januari 2010, het aandeel van 49% van de minderheidsaandeelhouder Pantheres in het vermogen en nettoresultaat van Sahara International Ventures en dochterondernemingen (zie toelichting 6) en het aandeel van 35% van de minderheidsaandeelhouder Arcelor Mittal in het vermogen en nettoresultaat van Telindus SA (gevestigd in Luxemburg) en dochterondernemingen (zie toelichting 6).
Toelichting 16. Rentedragende schulden
Toelichting 16.1. Rentedragende schulden op lange termijn
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| Niet-achtergestelde obligatieleningen | 2.077 | 1.306 | |
| Leasings en soortgelijke schulden | 4 | 3 | |
| Kredietinstellingen | 1 3 |
8 | |
| Andere derivaten | 3 1 |
3 3 |
8 9 |
| Totaal | 2.128 | 1.406 |
Alle langetermijnschulden zijn zonder waarborgen. Tijdens 2009 en 2010 zijn er geen wanbetalingen en schendingen mbt aangegane leningen.
In de twee voorgestelde jaren werden renteswaps (IRS) en rente- en valutaswaps (IRCS) gebruikt om de rentevoet- en wisselkoersrisico"s op de niet-achtergestelde obligatieleningen in JPY te beheren. Deze swaps geven de Groep de mogelijkheid om de rentevoet om te zetten van een vaste rentevoet naar een vlottende rentevoet of omgekeerd.
De rentedragende langetermijnleningen per 31 december 2010 zijn als volgt:
| Boekwaarde | Nominale waarde | Waardering volgens IAS 39 |
Vervaldatum Interest | betalingen / herprijsbaar |
Betaalde rentevoet |
Reële rentevoet |
||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) (in miljoen EUR) | (b) | |||||||
| Langetermijn rentedragende schulden | ||||||||
| Niet-achtergestelde obligatieleningen Leningen met vlottende interestvoet |
||||||||
| JPY (a) | 8 5 |
7 | 3 Afgeschreven kost | Dec-96 | Dec-26 | Halfjaarlijks | 1,21% | 1,21% |
| Leningen tegen vaste interestvoet EUR |
745 | 750 Afgeschreven kost | Nov-06 | Nov-16 | Halfjaarlijks | 4,38% | 4,50% | |
| EUR | 174 | 200 Afgeschreven kost | Nov-16 | Halfjaarlijks | 4,38% | 7,16% | ||
| EUR | 125 | 125 Afgeschreven kost | Dec-13 | Halfjaarlijks | 6,00% | 6,11% | ||
| 1.044 | 1.075 | |||||||
| JPY (a) | 8 5 |
7 | 3 Afgeschreven kost | Nov-95 | Nov-15 | Halfjaarlijks | 6,18% | 6,18% |
| JPY (a) | 9 2 177 |
7 145 |
2 Afgeschreven kost | Dec-95 | Dec-15 | Halfjaarlijks | 6,21% | 6,21% |
| Totale niet-achtergestelde obligatieleningen | 1.306 | 1.292 | ||||||
| Kredietinstellingen | ||||||||
| Leningen tegen vaste interestvoet | ||||||||
| EUR | 8 | 8 Afgeschreven kost | Nov-05 | Nov-13 | Halfjaarlijks | 3,78% | 3,78% | |
| Leasings en soortgelijke schulden | 3 | 3 Afgeschreven kost | 2012 | Kwartaal | 6,14% | 6,14% | ||
| Andere leningen | 0 | 0 Afgeschreven kost | ||||||
| Totale financiële lange termijnschulden (uitgezonderd derivaten) | 1.317 | 1.304 | ||||||
| Derivaten | ||||||||
| Derivaten aangehouden voor trading doeleinden | 8 9 |
0 | Reële waarde | |||||
Totaal 1.406 1.304 (a) omgezet in een lening in EUR via rente- en valutaswaps
(b) voor vlottendekoers leningen, rentevoet is de rentevoet van de laatste herprijzingsdatum voor 31 December 2010
De niet-achtergestelde obligatieleningen in EUR en JPY worden door Belgacom NV uitgegeven. De nominale waarde van deze schulden is volledig terugbetaalbaar op hun vervaldatum. Het wisselkoersrisico gerelateerd aan de schulden in JPY is volledig economisch gedekt door rente- en valutaswaps (IRCS). Deze swaps worden gebruikt om schulden in JPY om te zetten in schulden in EUR (zie toelichting 31).
De kredietinstellingen in EUR betreft voornamelijk een langetermijnlening die aan Telindus NV door een bank verstrekt werd, waarvan de rente halfjaarlijks wordt terugbetaald en het kapitaal eveneens halfjaarlijks terugbetaalbaar is. Een bedrag van 4 miljoen EUR van de totale nominale waarde wordt jaarlijks terugbetaald.
Toelichting 16.2. Rentedragende schulden op korte termijn
| Per 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Niet-achtergestelde obligatieleningen - korte termijn deel | 0 | 773 |
| Leasingschulden en soortgelijke - korte termijn deel | 3 | 3 |
| Kredietinstellingen - korte termijn deel | 4 | 4 |
| Kredietinstellingen | 2 | 0 |
| Andere leningen | 4 9 |
3 |
| Totaal | 5 9 |
783 |
Per 31 december 2009 bestonden de rentedragende schulden op korte termijn voornamelijk uit kredietfaciliteiten in EUR bij derde partijen met een gemiddelde resterende looptijd van minder dan 1 maand.
Per 31 december 2010 bestonden de rentedragende schulden op korte termijn voornamelijk uit de 773 miljoen EUR nietachtergestelde obligatielening die werd uitgegeven in 2006 en vervalt in november 2011.
Toelichting 17. Voorzieningen
| (in miljoen EUR) | Arbeids ongevallen |
Geschillen | Ziektedagen | Andere risico's |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Op 1 januari 2009 | 4 4 |
9 3 |
3 6 |
5 2 |
225 |
| Toevoegingen | 0 | 1 6 |
0 | 3 | 1 9 |
| Aanwendingen | -3 | -17 | -7 | -12 | -38 |
| Terugnemingen | -2 | -4 | -1 | -3 | -10 |
| Unwinding | 2 | 0 | 0 | 1 | 3 |
| Op 31 december 2009 | 4 1 |
8 9 |
2 9 |
4 1 |
199 |
| Toevoegingen | 2 | 1 3 |
9 | 7 | 3 1 |
| Aanwendingen | -3 | -4 | -13 | -4 | -24 |
| Terugnemingen | 0 | -1 | 0 | -5 | - 6 |
| Unwinding | 0 | 0 | 0 | 2 | 2 |
| Op 31 december 2010 | 4 1 |
9 6 |
2 5 |
4 1 |
203 |
De voorziening voor arbeidsongevallen betreft de vergoedingen die Belgacom NV desgevallend moet betalen aan personeelsleden die gewond geraakt zijn (met inbegrip van beroepsziekten) tijdens de uitoefening van hun functie en op de weg van en naar het werk. Tot 31 december 2002 werd de vergoeding, volgens de wet van 1967 (openbare sector) op de arbeidsongevallen, gedekt en rechtstreeks uitbetaald door Belgacom. Deze voorziening (gedeelte annuïteiten) is gebaseerd op actuariële gegevens met inbegrip van de sterftetafels, vergoedingspercentages, rentevoeten en andere factoren bepaald door de wet van 1967 en berekend met de hulp van een professioneel verzekeraar. Rekening houdend met de sterftetafel wordt ervan uitgegaan dat het grootste gedeelte van deze kosten zal worden uitbetaald tot 31 december 2053.
Sinds 1 januari 2003 zijn de contractuele personeelsleden onderworpen aan de wet van 1971 (privé-sector) en blijven de statutaire personeelsleden onder de toepassing van de wet van 1967 (openbare sector). Zowel voor de contractuele als de statutaire personeelsleden is Belgacom sinds 1 januari 2003 gedekt door verzekeringspolissen voor arbeidsongevallen en zal zij dus geen rechtstreekse betalingen meer uitvoeren aan de personeelsleden.
De voorziening voor geschillen geeft de beste raming van het management weer voor waarschijnlijke verliezen ten gevolge van hangende geschillen waarvoor de Groep door een derde partij wordt vervolgd of waarvoor zij betrokken is in een juridisch of een belastinggeschil. De verwachte timing van de bijbehorende uitstroom van kasmiddelen hangt af van de vooruitgang en de duur van de onderliggende gerechtelijke procedures.
De voorziening voor ziektedagen vormt de beste raming van het management van de waarschijnlijke kosten ingevolge de toekenning door Belgacom aan haar statutaire personeelsleden van een recht op cumulatie van ziektedagen. De voorziening werd bepaald op basis van statistische gegevens.
De voorziening voor andere risico"s omvat hoofdzakelijk de opgelopen risico"s van de herverzekeringsmaatschappij, de geraamde kosten voor de ontmanteling en herstelling van de mobiele antennesites en de sites waar betaaltelefoons zijn geïnstalleerd, de voorziening voor milieurisico"s en de overige risico"s. Er wordt verwacht dat de meeste van deze kosten zullen worden betaald tijdens de periode 2009-2024. De voorziening voor ontmanteling en herstelling wordt geraamd tegen actuele prijzen en verdisconteerd tegen een discontovoet tussen 2% en 5%, afhankelijk van de verwachte timing om aan de verplichtingen te voldoen.
Toelichting 18. Andere langetermijnschulden
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
|---|---|---|
| Andere schulden | 3 | 3 |
| Totaal | 3 | 3 |
Toelichting 19. Andere kortetermijnschulden
| Toelichting 19. Andere kortetermijnschulden | |||
|---|---|---|---|
| Per 31 december | |||
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| Te betalen B.T.W. | 2 2 |
1 8 |
|
| Schulden aan werknemers | 9 3 |
107 | |
| Voorziening voor vakantiegeld | 7 9 |
7 8 |
|
| Voorziening voor sociale zekerheidsbijdrage | 5 5 |
6 5 |
|
| Ingehouden bedrijfsvoorheffingen | 1 6 |
1 7 |
|
| Over te dragen opbrengsten | 189 | 191 | |
| Andere derivaten | 3 1 |
1 | 0 |
| Toe te rekenen kosten | 2 6 |
2 4 |
|
| Andere schulden | 3 0 |
2 9 |
|
| Totaal | 511 | 529 |
Over te dragen opbrengsten omvatten hoofdzakelijk voorafbetaalde telecommunicatie en ICT diensten.
Andere schulden houden vooral verband met ontvangen voorschotten op ICT contracten en geïncasseerde bedragen ten voordele van derden.
Toelichting 20. Netto omzet
| Boekjaar afgesloten op 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 2010 |
||
| Verkopen van goederen | 545 | 565 | |
| Leveren van diensten | 5.378 | 5.987 | |
| Totaal | 5.922 | 6.552 |
Toelichting 21. Andere bedrijfsopbrengsten
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Meerwaarde op de verkoop van immateriële en materiële vaste activa | 4 | 4 |
| Meerwaarde op de verkoop van geconsolideerde deelnemingen | 1 | 0 |
| Opbrengsten uit realisatie van handelsvorderingen | 1 | 1 |
| Andere opbrengsten | 6 2 |
4 5 |
| Totaal | 6 8 |
5 1 |
Andere opbrengsten omvatten hoofzakelijk compensaties voor netwerkschade alsook bijdragen van het personeel en derden voor diverse diensten.
Toelichting 22. Niet-recurrente opbrengsten
| (in miljoen EUR) | Boekjaar afgesloten op 31 december 2009 |
2010 |
|---|---|---|
| Winst op de verwatering van het aandeel in BICS | 7 4 |
0 |
| Herwaardering aan reële waarde van het voordien aangehouden belang in BICS | 0 | 436 |
| Totaal | 7 4 |
436 |
Meerwaarden op de verkoop van dochterondernemingen en joint ventures worden weergegeven als niet-recurrente opbrengsten indien zij individueel 5 miljoen EUR overschrijden.
In 2009, heeft de inbreng door MTN Dubai van zijn internationale carrier activa (hoofdzakelijk klantenbestand) in ruil voor een deelneming van 20% in BICS, geresulteerd in de erkenning van een niet-recurrente winst van 74 miljoen EUR (zie toelichting 6.4).
In 2010, heeft de verwerving van zeggenschap over BICS en de toepassing van de herziene IFRS 3, waardoor het voorheen aangehouden belang werd geherwaardeerd naar reële waarde, geleid tot de erkenning van een niet-recurrente opbrengst van 436 miljoen EUR (zie toelichting 6.4)
Toelichting 23. Kosten van aan omzet gerelateerde materialen en diensten
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Aankopen van materialen | 413 | 438 |
| Aankopen van diensten | 1.674 | 2.204 |
| Totaal | 2.087 | 2.642 |
De aankopen van materialen worden weergegeven na aftrek van het werk uitgevoerd door de onderneming, dat wordt geactiveerd ten bedrage van 65 miljoen EUR in 2009 en 63 miljoen EUR in 2010.
Toelichting 24. Personeelskosten en pensioenen
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Wedden en lonen | 827 | 818 |
| Sociale zekerheidsbijdragen | 203 | 202 |
| Pensioenkosten | 2 4 |
2 5 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding (andere dan pensioenen) en beëindiginsvoordelen | 2 3 |
2 0 |
| Andere personeelskosten | 3 1 |
4 3 |
| Totaal | 1.108 | 1.107 |
De wedden en lonen en de sociale zekerheidsbijdragen worden weergegeven na aftrek van het werk uitgevoerd door de onderneming dat wordt geactiveerd ten bedrage van 57 miljoen EUR in 2009 en 60 miljoen EUR in 2010.
Toelichting 25. Andere bedrijfskosten
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Huurkosten | 113 | 116 |
| Onderhoud en nutsvoorzieningen | 192 | 205 |
| Publiciteit en public relations | 113 | 9 9 |
| Consultancy | 149 | 136 |
| Administratie en opleiding | 6 6 |
6 2 |
| Kosten voor telecommunicatie, post en kantooruitrusting | 4 3 |
3 8 |
| Uitbestedingen | 8 9 |
113 |
| Waardeverminderingen en verliezen voor dubieuze vorderingen | -2 | 8 |
| Verlies op realisatie van handelsvorderingen | 2 9 |
2 5 |
| Waardeverminderingen op immateriële | 3 | 1 |
| en materiële vaste activa | ||
| Andere belastingen dan winstbelastingen | 5 7 |
3 0 |
| Andere bedrijfskosten (1) | -11 | 3 7 |
| Totaal | 840 | 870 |
(1) Inclusief de niet-gerealiseerde en gerealiseerde wisselkoerswinsten ten belope van 1 miljoen EUR in 2009 en 5 miljoen EUR in 2010.
De andere bedrijfskosten worden weergegeven na aftrek van het werk uitgevoerd door de onderneming, dat wordt geactiveerd ten bedrage van 108 miljoen EUR in 2009 en 132 miljoen EUR in 2010.
Toelichting 26. Niet-recurrente kosten
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Beëindigingsvoordelen en bijkomende vergoedingen | 7 | -8 |
| Boetes en sancties opgelegd door de Mededingingsautoriteiten of de regulator | 5 6 |
0 |
| Totaal | 6 2 |
-8 |
Verliezen op de verkoop van dochterondernemingen en joint ventures die individueel 5 miljoen EUR overschrijden, boetes en straffen opgelegd door de Mededingingsautoriteiten of de regulator boven 5 miljoen EUR en kosten voor herstructureringsprogramma"s (inclusief actuariële winsten en verliezen) worden geboekt als niet-recurrente kosten.
In 2009, hebben de Belgische Mededingingsautoriteiten een boete van 66,3 miljoen EUR opgelegd aan Belgacom Mobile voor misbruik van zijn dominante marktpositie gedurende de jaren 2004 en 2005 naar aanleiding van de klacht ingeleid door KPN Group Belgium (voorheen Base) in oktober 2005 (zie toelichting 33). De Groep erkende deze kost (netto van bestaande provisies) als een niet-recurrente kost in de resultatenrekening van het tweede kwartaal van 2009.
In 2009 heeft de Groep herstructureringsprogramma"s geïmplementeerd voor medewerkers van dochterondernemingen voor een totale kost van 7 miljoen EUR (zie toelichting 9.1).
In 2010 heeft de Groep de veronderstellingen voor schatting van de schuld voor beëindigingsvoordelen herzien, wat resulteerde in een daling van de schuld van 8 miljoen EUR (zie toelichting 9.1)
Toelichting 27. Afschrijvingen
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Afschrijvingen op licenties en andere immateriële vaste activa | 205 | 260 |
| Afschrijvingen op materiële vaste activa | 501 | 549 |
| Totaal | 706 | 809 |
Toelichting 28. Netto financiële opbrengsten/(kosten)
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | 2009 | 2010 |
| Financiële opbrengsten | ||
| Interest opbrengsten op financiële instrumenten | ||
| Aan afgeschreven kostprijs Aan reële waarde via de resultatenrekening |
1 4 4 |
4 1 |
| Meerwaarde op verkoop van | ||
| Beleggingen Actualisatie inkomsten |
0 | 7 |
| Van lange termijnvorderingen | 1 | 0 |
| Waardering aan de reële waarde van financiële instrumenten | ||
| Niet in een afdekkingsrelatie Andere financiële inkomsten |
7 1 |
6 2 |
| Financiële kosten | ||
| Intresten en kosten van leningen op financiële instrumenten | ||
| Aan afgeschreven kostprijs | -102 | -92 |
| Aan reële waarde via de resultatenrekening Actualisatie kosten |
-14 | -11 |
| Van voorzieningen | -1 | -1 |
| Van beëindigingsvoordelen | -14 | -9 |
| Van lange termijnschulden | -3 | 0 |
| Waardeverminderingen | ||
| Op geldmiddelen en kasequivalenten | -1 | 0 |
| Waardering aan de reële waarde van financiële instrumenten Niet in een afdekkingsrelatie |
-8 | -7 |
| Andere financiële kosten | 0 | -4 |
| Totaal | -117 | -102 |
Toelichting 29. Winst per aandeel
De gewone winst per aandeel wordt berekend door de nettowinst van het jaar die kan toegekend worden aan de gewone aandeelhouders, te delen door het gewogen gemiddelde van het aantal gewone uitstaande aandelen tijdens het jaar.
De verwaterde winst per aandeel wordt berekend door de nettowinst van het jaar die toegekend wordt aan de gewone aandeelhouders, te delen door het gewogen gemiddelde van het aantal gewone uitstaande aandelen, beiden gecorrigeerd voor de effecten van alle potentiële gewone aandelen die tot verwatering zullen leiden. Hierna worden d e resultaten- e n aandelengegevens weergegeven die worden gebruikt bij d e berekening van d e
gewone en verwaterde winst per aandeel:
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen, behalve de cijfers met betrekking tot de aandelen) | 2009 | 2010 |
| Nettowinst toe te rekenen aan gewone aandeelhouders (in miljoen EUR) | 904 | 1.266 |
| Aanpassingen voor potentiële gewone aandelen die tot verwatering zullen leiden (in miljoen EUR) |
0 | 0 |
| Aangepaste nettowinst voor de berekening van de verwaterde winst per aandeel (in miljoen EUR) |
904 | 1.266 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen | 320.475.553 | 321.138.048 |
| Correctie voor aandelenopties | 211.047 | 573.981 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen voor verwaterde winst per aandeel | 320.686.600 | 321.712.030 |
| Gewone winst per aandeel (EUR) | 2,82 | 3,94 |
| Verwaterde winst per aandeel (EUR) | 2,82 | 3,94 |
Winst per aandeel wordt beïnvloed door niet-recurrente items in de nettowinst (zie toelichting 22 en 26).
De aandelenopties toegekend in 2007 zijn antiverwaterend en daarom niet inbegrepen in de berekening van de verwaterde winst per aandeel, terwijl de andere toegekende opties een verwaterend effect hebben.
Toelichting 30. Betaalde en voorgestelde dividenden
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||
|---|---|---|
| (in miljoen, behalve de cijfers met betrekking tot de aandelen) | 2009 | 2010 |
| Dividenden op gewone aandelen: | ||
| Voorgestelde dividenden (in miljoen EUR) | 539 | 540 |
| Aantal aandelen met dividendrechten | 320.614.683 | 321.482.641 |
| Dividend per aandeel (EUR) | 1,68 | 1,68 |
| Interim dividend betaald aan de aandeelhouders (in miljoen EUR) | 128 | 161 |
| Interim dividend per aandeel (EUR) | 0,40 | 0,50 |
De voorgestelde dividenden voor 2009 werden effectief uitbetaald in april 2010. Het interim dividend van 2009 werd in december 2009 uitbetaald. Het interim dividend van 2010 werd in december 2010 uitbetaald.
Toelichting 31. Bijkomende toelichtingen inzake financiële instrumenten
Toelichting 31.1. Derivaten
| Per 31 december | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 | ||
| Vaste activa Andere derivaten - interestgerelateerd |
1 0 |
5 8 |
106 | ||
| Vlottende activa Andere derivaten TOTAAL ACTIVA |
1 2 |
2 6 0 |
1 107 |
||
| Langetermijnschulden Andere derivaten - interestgerelateerd |
1 6 |
3 3 |
8 9 |
||
| Kortetermijnschulden Andere derivaten TOTAAL SCHULDEN |
1 9 |
1 3 3 |
0 8 9 |
De Groep maakt gebruik van derivaten zoals renteswaps (IRS), rente- en valutaswaps (IRCS), termijnwisselcontracten en valuta opties. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de positieve en negatieve reële waarden van de derivaten in de balans, opgenomen als respectievelijk vaste/vlottende activa of passiva, samen met de notionele bedragen per vervaltermijn.
| Op 31 december 2009 | Reële waarde | Notioneel bedrag | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Positief | Negatief | Binnen 2 maand |
3 - 12 maand |
1 - 5 jaar |
meer dan 5 jaar |
Totaal |
| Termijnwisselcontracten | 0 | 0 | 2 | 2 | 0 | 0 | 3 |
| Derivaten aangehouden voor kasstroom afdekking | 0 | 0 | 2 | 2 | 0 | 0 | 3 |
| Renteswaps | 0 | -25 | 0 | 0 | 0 | 144 | 144 |
| Rente- en valutaswaps | 5 2 |
0 | 0 | 0 | 0 | 217 | 217 |
| Rente - en valutagerelateerd - anderen derivaten | 6 | -8 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Termijnwisselcontracten | 2 | -1 | 4 3 |
2 4 |
1 | 0 | 6 8 |
| Derivaten die niet kwalificeren voor afdekking (1) |
6 0 |
-33 | 4 3 |
2 4 |
1 | 361 | 429 |
| Totaal | 6 0 |
-33 | 4 5 |
2 5 |
1 | 361 | 433 |
| (1) Inclusief onderbroken rëele waarde afdekkingderivaten |
(1) Inclusief onderbroken rëele waarde afdekkingderivaten
| Op 31 december 2010 | Reële waarde | Notioneel bedrag | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Positief | Negatief | Binnen 2 maand |
3 - 12 maand |
1 - 5 jaar |
meer dan 5 jaar |
Totaal | |
| Termijnwisselcontracten | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Derivaten aangehouden voor kasstroom afdekking | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Renteswaps | 0 | -25 | 0 | 0 | 144 | 0 | 144 | |
| Rente- en valutaswaps | 106 | 0 | 0 | 0 | 7 2 |
7 3 |
145 | |
| Rente - en valutagerelateerd - anderen derivaten | 0 | -64 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Termijnwisselcontracten | 1 | 0 | 0 | 1 4 |
9 7 |
0 | 111 | |
| Derivaten die niet kwalificeren voor afdekking (1) |
107 | -89 | 0 | 1 4 |
314 | 7 3 |
400 | |
| Totaal | 107 | -89 | 0 | 1 4 |
314 | 7 3 |
400 | |
| (1) Inclusief onderbroken rëele waarde afdekkingderivaten |
Toelichting 31.2. Financieel risicobeheer: objectieven en beleid
De belangrijkste financiële instrumenten van de Groep bestaan uit niet-achtergestelde obligaties, handelsvorderingen en handelsschulden. De belangrijkste risico"s verbonden met deze financiële instrumenten zijn het rentevoetrisico, het wisselkoersrisico, het liquiditeitsrisico en het kredietrisico. De Groep is ook blootgesteld aan het financieel risico dat met toekomstige transacties verbonden is.
Het principe van risico minimalisatie wordt op alle financiële transacties toegepast. Om dit te bereiken wordt het beheer met betrekking tot de financiering, wisselkoers, rentevoet en kredietrisico gecentraliseerd bij het Groep Treasury Department. Simulaties worden uitgevoerd gebruik makend van verschillende scenario"s ("worst case" scenario inbegrepen) om hun impact in verschillende marktomgevingen in te schatten. Alle financiële transacties en financiële risico"s worden beheerd en opgevolgd in een centraal treasury management systeem.
Het Groep Treasury departement voert zijn operaties uit in het kader van de regels en richtlijnen die door de Raad van Bestuur goedgekeurd werden. Het Groep Treasury departement is verantwoordelijk voor de toepassing van deze regels en richtlijnen. Volgens deze regels, worden de derivaten gebruikt om het rentevoetrisico en het wisselkoersrisico af te dekken. Derivaten worden enkel gebruikt als dekkingsinstrument, en kunnen niet gebruikt worden voor handels- of speculatieve doeleinden. De belangrijkste gebruikte derivaten zijn de valutaswaps, de renteswaps en de rente- en valutaswaps en toekomstige koersovereenkomsten.
De interne Audit afdeling van de Groep controleert regelmatig de interne controleomgeving binnen het Groep Treasury departement.
Gedurende de periode 2009 – 2010 vond in de Groep geen belangrijke verandering plaats in de aard van de financiële risico"s noch in de door de Groep opgestelde regels en richtlijnen voor het beheer van financiële risico"s.
Rentevoetrisico
De blootstelling van de Groep aan de veranderende marktrentevoeten betreft voornamelijk zijn langetermijn financiële schulden. Het Groep Treasury departement beheert de blootstelling van de Groep aan wijzigingen van de rentevoeten en de financieringskost, door een mix van vaste en vlottende rentedragende schulden te gebruiken, in lijn met de door de Groep opgestelde regels voor financieel risicobeheer. Deze regels streven naar het bereiken van een optimaal evenwicht tussen de totale financieringskost, de risicobeperking en het vermijden van de volatiliteit van de financiële resultaten, rekening houdend met zowel de marktcondities en opportuniteiten als met de globale handelsstrategie van de Groep.
Als gevolg daarvan heeft Belgacom op verschillende renteswaps (IRS) en rente- en valutaswaps (IRCS) ingetekend om het renterisico op bepaalde financiële verplichtingen om te zetten van een vaste rentevoet naar een vlottende rentevoet mechanisme of omgekeerd.
Deze IRS en IRCS derivaten zijn economische indekkingen en komen niet in aanmerking voor hedge accounting De onderliggende tabellen tonen de rentedragende langetermijnschulden (exclusief leasing- en soortgelijke schulden), de renteswaps (IRS), de rente- en valutaswaps (IRCS) en de netto verplichtingen van de Groep, op 31 december 2009 en 2010.
| Op 31 december 2009 | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Directe lening | IRCS overeenkomsten | IRS overeenkomsten | Netto wisselverplichtingen | |||||||||
| Notioneel bedrag |
Gewogen gemiddelde interestvoet (1) |
Gemiddeld e looptijd tot vervaldag |
Te betalen (terug te vorderen) bedrag |
Gewogen gemiddelde interestvoet (1) |
Gemid delde looptijd tot vervalda |
Te betalen (terug te vorderen) bedrag |
Gewogen gemiddelde interestvoet (1) |
Gemiddel de looptijd tot vervaldag |
Te betalen (terug te vorderen) bedrag |
Gewogen gemiddelde interestvoet (1) |
Gemid delde looptijd tot vervaldag |
|
| (in miljoen EUR) | (in jaren) (in miljoen EUR) | g | (in jaren)(in miljoen EUR) | (in jaren) (in miljoen EUR) | (in jaren) | |||||||
| EUR Vast Variabel |
1.864 | 4,41% | 5 | 217 | 0,89% | 1 0 |
144 -144 |
6,20% 1,00% |
6 6 |
2.008 7 3 |
4,54% 0,66% |
5 1 7 |
| JPY Vast |
217 | 4,99% | 1 0 |
-217 | -4,99% | 1 0 |
0 | |||||
| Totaal | 2.081 | 4,47% | 5 | 0 | 0 | 2.081 | 4,41% | 5 |
(1) Gewogen gemiddelde interestvoet rekening houdend met de recentste rentevoeten voor variabele rentedragende leningen.
| Op 31 december 2010 | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Directe lening | IRCS overeenkomsten | IRS overeenkomsten | Netto wisselverplichtingen | |||||||||
| Notioneel bedrag |
Gewogen gemiddelde interestvoet (1) |
Gemiddeld e looptijd tot vervaldag |
Te betalen (terug te vorderen) bedrag |
Gewogen gemiddelde interestvoet (1) |
Gemid delde looptijd tot vervalda |
Te betalen (terug te vorderen) bedrag |
Gewogen gemiddelde interestvoet (1) |
Gemiddel de looptijd tot vervaldag |
Te betalen (terug te vorderen) bedrag |
Gewogen gemiddelde interestvoet (1) |
Gemid delde looptijd tot vervaldag |
|
| (in miljoen EUR) | (in jaren) (in miljoen EUR) | g | (in jaren)(in miljoen EUR) | (in jaren) (in miljoen EUR) | (in jaren) | |||||||
| EUR Vast Variabel |
1.858 | 4,43% | 4 | 217 | 1,15% | 9 | 144 -144 |
6,20% 1,27% |
5 5 |
2.002 7 3 |
4,55% 0,93% |
4 1 6 |
| JPY Vast |
217 | 4,99% | 9 | -217 | -4,99% | 9 | 0 | |||||
| Totaal | 2.076 | 4,48% | 4 | 0 | 0 | 2.076 | 4,43% | 4 |
(1) Gewogen gemiddelde interestvoet rekening houdend met de recentste rentevoeten voor variabele rentedragende leningen.
De Groep verwacht immateriële impacten in 2011 op de resultatenrekening door te betalen interesten op leningen met vlottende rentevoet enerzijds, en anderzijds door de herwaardering aan marktwaarde van bepaalde IRS-derivaten die niet als indekking kwalificeren1 .
Wisselkoersrisico's
De operationele activiteiten zijn de belangrijkste bron van wisselrisico voor de Groep. Dit risico komt voor bij aankopen of verkopen die door de operationele afdelingen in een andere valuta dan hun functionele valuta worden uitgevoerd. Dergelijke transacties komen voornamelijk voor in het segment International Carrier Services ("ICS"). De internationale activiteiten van dit segment genereren betalingen in verschillende valuta"s van en naar andere telecommunicatie operatoren, evenals in sommige dochterondernemingen van de sub-groep Telindus die activiteiten in US Dollar voeren en tenslotte, alhoewel in beperkte mate, in de internationale activiteiten (roaming, investeringen en operationele uitgaven) van de Groep.
De wisselkoersrisico"s worden ingedekt voor zover ze de kasstromen van de Groep beïnvloeden. De wisselkoersrisico"s die de kasstromen van de Groep niet beïnvloeden (bijvoorbeeld risico"s die voortvloeien uit de omzetting van activa en schulden van de buitenlandse operaties naar de functionele valuta) worden gewoonlijk niet ingedekt. Niettemin zou de Groep kunnen overwegen om deze zogenaamde omrekeningsverschillen in te dekken indien hun mogelijke impact belangrijk zou worden voor de geconsolideerde jaarrekening.
De typische instrumenten die gebruikt worden om het wisselkoersrisico in te dekken zijn de termijnwisselcontracten.
In 2009 en 2010 was de Groep enkel voor zijn operationele activiteiten aan het wisselkoersrisico blootgesteld. De herwaardering naar de reële waarde van de openstaande posities in vreemde munten wordt via de resultatenrekening geboekt
1 De volaliteit van de financiële opbrengsten /(kosten) hangt af van de schommelingen van de EURIBOR op drie maand (EURIBOR 3M) voor de intrest op de leningen met vlottende rentevoet en van de IRS-EURIBOR op zeven jaar (IRS-EURIBOR 7 jaar) voor de herwaardering aan marktwaarde van de IRS-derivaten.
en wordt gereduceerd of gecompenseerd door de herwaardering van de derivaten die gebruikt werden om dit risico in te dekken.
De Groep voerde voor de jaren 2009, 2010 en 2011 een sensitiviteitsanalyse uit op de wisselkoersen EUR/USD, EUR/SDR2 EUR/GBP en EUR/CHF, de vier munten waarin de Groep typisch een risico heeft in zijn operationele activiteiten. Voor 2009 en 2010, was er geen belangrijke impact op de resultatenrekening van de Groep. Voor 2011, verwacht de Groep ook geen materiële impact van koersschommelingen op zijn financiële prestaties. Dit komt door het feit dat de Groep in se een beperkt (alhoewel toenemend door de groeiende ICS activiteiten) wisselrisico blijft houden enerzijds, en anderzijds door het tijdig en doeltreffend indekken van zulke wisselrisico"s wanneer zij opduiken gedurende de operaties.
Kredietrisico en belangrijke concentraties van kredietrisico
De Groep is blootgesteld aan kredietrisico"s door zijn operationele en financiële activiteiten (financiële beleggingen voor het beheer van de liquide middelen van de Groep). Kredietrisico betreft alle soorten risico"s op tegenpartijen, bijvoorbeeld wanneer de tegenpartij haar verplichtingen tegenover Belgacom niet nakomt in het kader van leningen, dekkingen, uitbetalingen en andere financiële activiteiten.
De maximale blootstelling van de Groep aan het kredietrisico (zonder rekening te houden met de waarde van alle zakelijke of andere zekerheden), wanneer de tegenpartij haar verplichtingen tegenover elke categorie van erkende financiële activa (waaronder derivaten) niet nakomt, is gelijk aan de boekwaarde van deze activa in de balans.
Om het kredietrisico te beperken dat met de financieringsactiviteiten en het beheer van de liquide middelen van de Groep verbonden is, worden dergelijke transacties als regel enkel met financiële instellingen van eerste rang afgesloten, waarvan de rating minimaal A (S&P) en/of A2 (Moody"s) bedraagt.
Het kredietrisico dat uit operationele activiteiten met grote klanten voortvloeit, wordt op individuele basis beheerd en gecontroleerd. Bijkomende garanties kunnen geëist worden. Deze grote klanten zijn niet materieel voor de Groep, aangezien de portfolio van Belgacom vooral uit een massa kleinere klanten bestaat. Het kredietrisico en de concentratie van het kredietrisico verbonden met handelsvorderingen is dus beperkt. Wat de handelsvorderingen op andere telecommunicatie ondernemingen betreft, is de concentratie van het kredietrisico ook beperkt ten gevolge van de nettingovereenkomsten met de handelsschulden van die ondernemingen, de verplichtingen tot vooruitbetaling, bankgaranties, de waarborgen uitgegeven door moederondernemingen en kredietlimieten toegestaan door kredietverzekeraars.
De Groep is blootgesteld aan kredietverliezen ingeval de tegenpartij haar verplichtingen op derivaten niet nakomt (zie toelichting 31.1) en een cross-border lease overeenkomst (zie toelichting 34). De Groep verwacht echter niet dat deze tegenpartijen slecht zullen presteren, noch dat ze waarborgen of andere zekerheden van deze tegenpartijen vraagt, gezien het om financiële instellingen met de beste kredietwaardigheid gaat.
Bovendien is de Groep aan kredietrisico blootgesteld door het occasioneel uitgeven van financiële zekerheden. Op 31 december 2010 had de Groep bankgaranties uitgegeven voor een bedrag van 31 miljoen EUR.
Liquiditeitsrisico
In overeenstemming met het Treasury beleid, beheert het Groep Treasury departement de financieringskost door een mix van schulden met vaste rentevoet en schulden met vlottende rentevoet.
Een liquiditeitsreserve onder de vorm van kredietfaciliteiten of cash, wordt gehouden met het doel de liquiditeit en de financiële flexibiliteit van de Groep steeds te handhaven. Daartoe is Belgacom NV bilaterale kredieten met verschillende looptijden en twee aparte gesyndiceerde kredietfaciliteiten aangegaan. Voor de middellange tot langetermijnfinanciering, gebruikt de Groep obligaties en leningen op middellange termijn. De looptijd van de schulden is gespreid over meerdere jaren. Het Groep Treasury departement analyseert regelmatig zijn financieringsbehoefte, rekening houdend met zijn eigen rating en de bestaande condities op de markt.
De onderstaande tabel vat de looptijd van rentedragende schulden van de Groep samen voor elk boekjaar. Dit profiel is gebaseerd op de niet geactualiseerde contractuele interestbetalingen en op de kapitaalsaflossingen. De impact van de derivaten op de kasstromen die gebruikt worden om een vaste rentevoet naar een vlottende rentevoet of omgekeerd om te zetten werd in acht genomen. Voor de schulden met vlottende rentevoet zijn de rentevoeten die gebruikt werden om de kasstromen te bepalen, diegenen van de laatste herprijzing voor de afsluiting van het boekjaar (respectievelijk op 31 december 2009 en 2010).
| (in miljoen EUR) | 2010 | 2011 | 2012 | 2013 | 2014 | 2015-2028 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Op 31 december 2009 | ||||||
| Rentedragende schulden op lange termijn | 9 1 |
869 | 6 4 |
188 | 5 3 |
1.261 |
| Kortetermijn rentedragende schulden | 6 0 |
0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Totaal | 151 | 869 | 6 4 |
188 | 5 3 |
1.261 |
| Op 31 december 2010 | ||||||
| Rentedragende schulden op lange termijn | 5 9 |
6 6 |
189 | 5 2 |
1.275 | |
| Kortetermijn rentedragende schulden | 818 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Totaal | 877 | 6 6 |
189 | 5 2 |
1.275 |
2 SDR: Speciale Trekkingsrechten: korf van munten, vaak gebruikt in netting overeenkomsten tussen telecom operatoren.
Bankkredietfaciliteiten op 31 december 2010
Behalve de rentedragende schulden op lange termijn zoals weergegeven in toelichting 16.1 en 16.2, kan de Groep beroep doen op langetermijnkredietfaciliteiten ten belope van 755 miljoen EUR en kortetermijnkredietfaciliteiten ten belope van 116 miljoen EUR. Deze faciliteiten worden verstrekt door een gediversifieerde groep van banken. Op 31 december 2010 was er geen enkel uitstaand saldo onder deze faciliteiten. Een totaal van 871 miljoen EUR is daarom beschikbaar3 voor opname op 31 december 2010.
De Groep heeft ook Euro Medium Term Note ("EMTN")-programma uitgewerkt van 2,5 miljard EUR en een Commercial Paper ("CP")-programma van 1 miljard EUR. Op 31 december 2010 was er een uitstaand bedrag onder het EMTN-programma van 1.850 miljoen EUR, en geen uitstaand bedrag onder het CP-programma.
Toelichting 31.3. Netto financiële positie van de Groep en beheer van kapitaal
De Groep definieert zijn netto financiële positie als het nettobedrag van de beleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten, verminderd met alle rentedragende schulden en bijbehorende derivaten (met inbegrip van de herwaardering naar de reële waarde).
| Per 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Toelichting | 2009 | 2010 |
| ACTIVA | |||
| Lange termijn beleggingen (1) | 1 0 |
5 | 5 |
| Korte termijn beleggingen (1) | 1 3 |
7 6 |
4 3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten (1) | 1 4 |
332 | 584 |
| Lange termijn derivaten | 1 0 |
5 8 |
106 |
| SCHULDEN | |||
| Langetermijn rentedragende schulden (1) | 1 6 |
-2.128 | -1.406 |
| Kortetermijn rentedragende schulden (1) | 1 6 |
-59 | -783 |
| Netto financiële positie | -1.716 | -1.451 |
(1) na herwaardering aan de reële waarde, indien van toepassing.
De rentedragende schulden op lange termijn omvatten lange termijn derivaten tegen reële waarde die 33 miljoen EUR in 2009 en 89 miljoen EUR in 2010 vertegenwoordigen (zie toelichting 16.1).
Het doel van de Groep inzake het beheer van het eigen vermogen bestaat erin om een gezonde financiële positie evenals een gezonde schuldenlast te bewaren, om op elk moment een gemakkelijke toegang tot de financiële markten te bewaren, om in staat te zijn strategische projecten te financieren, en om een aantrekkelijke vergoeding aan de aandeelhouders te bieden. Het beleid inzake de winstuitkering werd herzien door de Belgacom Raad van Bestuur van 25 februari 2010 en Belgacom verbindt zich door, in principe, het merendeel van haar jaarlijkse kasstroom voor financieringsactiviteiten (vrije kasstroom) te laten terugvloeien naar haar aandeelhouders. De uitkering uit de vrije kasstroom, hetzij via dividenden, hetzij via aandeleninkoop, zal jaarlijks opnieuw worden bekeken teneinde voldoende strategische financiële flexibiliteit te behouden voor toekomstige organische groei of groei via selectieve acquisities, met een klare focus op waardecreatie. Dit houdt tevens bevestiging in van adequate niveaus van uitkeerbare reserves.
Over de twee voorgestelde jaren, heeft de Groep geen nieuwe aandelen of andere verwaterende instrumenten uitgegeven.
3 Sommige kredietfaciliteiten zijn voorwaardelijk aan het respecteren van bepaalde schuldratio"s op groepsniveau.
Toelichting 31.4. Categorieën van financiële instrumenten
De Groep gebruikt rente- en valutaswaps (IRCS) om de risico"s verbonden aan wijzigingen in rentevoeten en wisselkoersen op de rentedragende langetermijnschulden te beheersen (zie toelichting 31.2).
De volgende tabellen stellen de financiële instrumenten van de Groep voor, per categorie zoals gedefinieerd door IAS 39, evenals de winsten en verliezen uit de herwaardering aan reële waarde. De reële waarde van deze financiële instrumenten wordt correct weergegeven door hun boekwaarde.
| Op 31 december 2009 | Categorie | Boekwaard | Bedragen erkend in de balans volgens IAS 39 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Bijlage | volgens | e | ||||||
| IAS 39 (1) | Afgeschreven kostprijs |
Aanwervingskost, na mogelijke waardevermin deringen |
Aanpassing aan de reële waarde via het eigen vermogen |
Aanpassing aan de reële waarde via de resultaten rekening |
|||||
| ACTIVA | |||||||||
| VASTE ACTIVA | |||||||||
| Andere deelnemingen | 7 | AFS | 1 | 1 | 0 | ||||
| Andere vaste activa | |||||||||
| Andere derivaten | 1 0 |
FAHfT | 5 8 |
5 8 |
|||||
| Lange termijnbeleggingen | 1 0 |
AHTM | 5 | 5 | |||||
| Andere financiële activa | 1 0 |
LaR | 1 2 |
1 2 |
|||||
| VLOTTENDE ACTIVA | |||||||||
| Handelsvorderingen | 1 1 |
LaR | 1.089 | 1.089 | |||||
| Andere vlottende activa | |||||||||
| Terug te vorderen BTW en andere vorderingen |
1 2 |
LaR | 6 7 |
6 7 |
|||||
| Over te dragen kosten | 1 2 |
LaR | 108 | 108 | |||||
| Verkregen opbrengsten | 1 2 |
LaR | 1 8 |
1 8 |
|||||
| Andere derivaten | 1 2 |
FAHfT | 2 | 2 | |||||
| Beleggingen | 1 3 |
AFS | 7 6 |
7 1 |
7 | -1 | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | |||||||||
| Vastrentende effecten | 1 4 |
HTM | 208 | 208 | |||||
| Kortetermijndeposito's | 1 4 |
LaR | 124 | 124 | |||||
| SCHULDEN | |||||||||
| LANGETERMIJNSCHULDEN | |||||||||
| Rentedragende schulden | |||||||||
| Niet-achtergestelde obligatieleningen niet in een afdekkingsrelatie1 | 6 | FLAC | 2.077 | 2.077 | |||||
| Leasings en soortgelijke schulden | 1 6 |
FLAC | 4 | 4 | |||||
| Kredietinstellingen | 1 6 |
FLAC | 1 3 |
1 3 |
|||||
| Andere derivaten | 1 6 |
FLHfT | 3 3 |
3 3 |
|||||
| Andere langetermijnschulden | 1 8 |
FLAC | 3 | 3 | |||||
| KORTETERMIJNSCHULDEN | |||||||||
| Rentedragende schulden, korte termijn deel | |||||||||
| Leasings en soortgelijke schulden | 1 6 |
FLAC | 3 | 3 | |||||
| Kredietinstellingen | 1 6 |
FLAC | 4 | 4 | |||||
| Rentedragende schulden | |||||||||
| Kredietinstellingen | 1 6 |
FLAC | 2 | 2 | |||||
| Andere leningen | 1 6 |
FLAC | 4 9 |
4 9 |
|||||
| Handelsschulden | FLAC | 1.123 | 1.123 | ||||||
| Andere kortetermijnschulden | |||||||||
| Andere derivaten | 1 9 |
FLHfT | 1 | 1 | |||||
| Toe te rekenen kosten | 1 9 |
FLAC | 2 6 |
2 6 |
|||||
| Te betalen B.T.W . en andere schulden |
1 9 |
FLAC | 296 | 296 | |||||
| (1) De categoriëen volgens IAS 39 zijn de volgende : |
(1) De categoriëen volgens IAS 39 zijn de volgende : AFS: Voor verkoop beschikbare financiële activa (Available-for-sale financial assets)
AHTM: Financiële activa aangehouden tot vervaldatum (Financial assets held-to-maturity)
FAHfT: Financiële activa aangehouden voor trading doeleinden (Financial assets held-for-trading)
LaR: Leningen en vorderingen (Loans and Receivables financial assets)
| Op 31 december 2010 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Bijlage | Categorie | Boekwaard | Bedragen erkend in de balans volgens IAS 39 | |||
| volgens IAS 39 (1) |
e | Afgeschreven kostprijs |
Aanwervingskost, na mogelijke waardevermin deringen |
Aanpassing aan de reële waarde via het eigen vermogen |
Aanpassing aan de reële waarde via de resultaten rekening |
||
| ACTIVA | |||||||
| VASTE ACTIVA | |||||||
| Andere deelnemingen | 7 | AFS | 2 6 |
2 6 |
0 | ||
| Andere vaste activa | |||||||
| Andere derivaten Lange termijnbeleggingen |
1 0 1 0 |
FAHfT AHTM |
106 5 |
5 | 106 | ||
| Andere financiële activa | 1 0 |
LaR | 1 1 |
1 1 |
|||
| VLOTTENDE ACTIVA | |||||||
| Handelsvorderingen | 1 1 |
LaR | 1.246 | 1.246 | |||
| Andere vlottende activa Terug te vorderen BTW en andere vorderingen |
1 2 |
LaR | 2 1 |
2 1 |
|||
| Over te dragen kosten | 1 2 |
LaR | 100 | 100 | |||
| Verkregen opbrengsten | 1 2 |
LaR | 1 9 |
1 9 |
|||
| Andere derivaten | 1 2 |
FAHfT | 1 | 1 | |||
| Beleggingen | 1 3 |
AFS | 4 3 |
4 3 |
0 | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | |||||||
| Vastrentende effecten | 1 4 |
HTM | 332 | 332 | |||
| Kortetermijndeposito's | 1 4 |
LaR | 252 | 252 | |||
| SCHULDEN | |||||||
| LANGETERMIJNSCHULDEN | |||||||
| Rentedragende schulden | |||||||
| Niet-achtergestelde obligatieleningen niet in een afdekkingsrelatie1 Leasings en soortgelijke schulden |
6 1 6 |
FLAC FLAC |
1.306 3 |
1.306 3 |
|||
| Kredietinstellingen | 1 6 |
FLAC | 8 | 8 | |||
| Andere derivaten | 1 6 |
FLHfT | 8 9 |
8 9 |
|||
| Andere langetermijnschulden | 1 8 |
FLAC | 3 | 3 | |||
| KORTETERMIJNSCHULDEN | |||||||
| Rentedragende schulden, korte termijn deel | |||||||
| Niet-achtergestelde obligatieleningen niet in een afdekkingsrelatie1 | 6 | FLAC | 773 | 773 | |||
| Leasings en soortgelijke schulden | 1 6 |
FLAC | 3 | 3 | |||
| Kredietinstellingen | 1 6 |
FLAC | 4 | 4 | |||
| Rentedragende schulden | |||||||
| Andere leningen | 1 6 |
FLAC | 3 | 3 | |||
| Handelsschulden | FLAC | 1.304 | 1.304 | ||||
| Andere kortetermijnschulden Toe te rekenen kosten |
1 9 |
FLAC | 2 4 |
2 4 |
|||
| Te betalen B.T.W . en andere schulden |
1 9 |
FLAC | 314 | 314 | |||
| (1) De categoriëen volgens IAS 39 zijn de volgende : | |||||||
| AFS: Voor verkoop beschikbare financiële activa (Available-for-sale financial assets) AHTM: Financiële activa aangehouden tot vervaldatum (Financial assets held-t |
o-maturity) | ||||||
| FAHfT: Financiële activa aangehouden voor trading doeleinden (Financial assets held-for-trading) | |||||||
LaR: Leningen en vorderingen (Loans and Receivables financial assets)
FLAC: Financiële schulden aan afgeschreven kostprijs (Financial liabilities at amortized costs) FLHfT: Financiële schulden aangehouden voor trading doeleinden (Financial liabilities held-for-trading)
Toelichting 31.5. Activa en passiva aan reële waarde
De Group houdt op 31 december 2010 financiële instrumenten aan die gewaardeerd zijn aan reële waarde.
Deze instrumenten worden in de onderstaande tabel getoond volgens de gebruikte waarderingstechniek. De hierarchie tussen de technieken geeft het belang weer van de gebruikte inputs om de waardering te doen.
- Niveau 1 : (Niet gecorrigeerde) prijsnotering in actieve markten voor identieke activa of passiva.
- Niveau 2 : Waarderingstechnieken voor dewelke alle inputs die een belangrijk effect hebben op de geboekte reële waarde, gebaseerd zijn op direct of indirect waarneembare gegevens voor activa of passiva.
- Niveau 3 : Waarderingstechnieken voor dewelke alle inputs die een belangrijk effect hebben op de geboekte reële waarde, niet gebaseerd zijn op waarneembare marktgegevens.
| (in miljoen EUR) | Categorie | Saldo op 31 | Gebruikte waarderingsmethode op het einde van het boekjaar: | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Toelichting | volgens IAS 39 (1) |
december 2009 |
Laag 1 | Laag 2 | Laag 3 | |
| ACTIVA | ||||||
| VASTE ACTIVA Andere deelnemingen Andere vaste activa Andere derivaten |
7 1 0 |
AFS FAHfT |
1 5 8 |
5 8 |
1 | |
| VLOTTENDE ACTIVA Andere vlottende activa Andere derivaten Beleggingen |
1 0 1 3 |
FAHfT AFS |
2 7 6 |
7 6 |
2 | |
| SCHULDEN | ||||||
| LANGETERMIJNSCHULDEN Rentedragende schulden Andere derivaten |
1 6 |
FLHfT | 3 3 |
3 3 |
||
| KORTETERMIJNSCHULDEN Andere derivaten (1) De categoriëen volgens IAS 39 zijn de volgende : |
1 9 |
FLHfT | 1 | 1 |
AFS: Voor verkoop beschikbare financiële activa (Available-for-sale financial assets)
AHTM: Financiële activa aangehouden tot vervaldatum (Financial assets held-to-maturity)
FAHfT: Financiële activa aangehouden voor trading doeleinden (Financial assets held-for-trading) LaR: Leningen en vorderingen (Loans and Receivables financial assets)
FLAC: Financiële schulden aan afgeschreven kostprijs (Financial liabilities at amortized costs)
FLHfT: Financiële schulden aangehouden voor trading doeleinden (Financial liabilities held-for-trading)
| (in miljoen EUR) | Categorie | Saldo op 31 | Gebruikte waarderingsmethode op het einde van het boekjaar: | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| volgens IAS 39 (1) |
december 2010 |
Laag 1 | Laag 2 | Laag 3 | ||
| Toelichting | ||||||
| ACTIVA | ||||||
| VASTE ACTIVA | ||||||
| Andere deelnemingen | 7 | AFS | 2 6 |
2 6 |
||
| Andere vaste activa | ||||||
| Andere derivaten | 1 0 |
FAHfT | 106 | 106 | ||
| VLOTTENDE ACTIVA | ||||||
| Andere vlottende activa | ||||||
| Andere derivaten | 1 0 |
FAHfT | 1 | 1 | ||
| Beleggingen | 1 3 |
AFS | 4 3 |
4 3 |
||
| SCHULDEN | ||||||
| LANGETERMIJNSCHULDEN | ||||||
| Rentedragende schulden Andere derivaten |
1 6 |
FLHfT | 8 9 |
8 9 |
||
| (1) De categoriëen volgens IAS 39 zijn de volgende : | ||||||
| AFS: Voor verkoop beschikbare financiële activa (Available-for-sale financial assets) | ||||||
| AHTM: Financiële activa aangehouden tot vervaldatum (Financial assets held-t | o-maturity) | |||||
| FAHfT: Financiële activa aangehouden voor trading doeleinden (Financial assets held-for-trading) | ||||||
LaR: Leningen en vorderingen (Loans and Receivables financial assets) FLAC: Financiële schulden aan afgeschreven kostprijs (Financial liabilities at amortized costs)
FLHfT: Financiële schulden aangehouden voor trading doeleinden (Financial liabilities held-for-trading)
Toelichting 32. Informatie over verbonden partijen
Toelichting 32.1. Geconsolideerde ondernemingen
De dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen zijn opgenomen in toelichting 6.
Leveringen van goederen en diensten tussen ondernemingen van de Groep gebeuren aan commerciële voorwaarden en marktprijzen.
Joint ventures
Belgacom International Carrier Services NV en dochterondernemingen
De Groep had een joint venture deelneming in BICS in 2009 tot 1 januari 2010. Op die datum verwierf Belgacom zeggenschap over BICS, waardoor BICS een filiaal werd van Belgacom.
Voor 2009 bedroegen de verkopen en de aankopen tussen BICS en de Groep respectievelijk 21 miljoen EUR en 15 miljoen EUR. Op 31 december 2009 had BICS tegenover de Groep handelsvorderingen ten belope van 6 miljoen EUR, handelsschulden ten belope van 4 miljoen EUR en kortetermijndeposito"s ten belope van 49 miljoen EUR.
Geassocieerde ondernemingen
Tunz.com NV
De Group heeft in 2009 40% verworven van Tunz.com NV. Er zijn geen significante transacties tussen de Groep en deze minderheidsparticipatie in 2009 en 2010.
ClearMedia NV
In 2010 heeft de groep 40% verworven van ClearMedia NV. Er zijn geen significante transacties tussen de Groep en deze minderheidsparticipatie in 2010.
Toelichting 32.2. Relaties met aandeelhouders
De Belgische Staat is de meerderheidsaandeelhouder van de Groep met een deelneming van 53,5%. De Groep houdt eigen aandelen aan voor 4,9%. De resterende 41,6% worden verhandeld op de Eerste Markt van Euronext Brussels.
Relatie met de Belgische Staat
De Groep levert telecomdiensten aan de Belgische Staat en verschillende administraties van de Belgische Staat. Al deze transacties verlopen op basis van normale klant/leverancier-relaties en aan voorwaarden die niet voordeliger zijn dan die waarop andere klanten en leveranciers een beroep kunnen doen. De diensten aan deze administraties vormen geen belangrijk deel van de netto-omzet van de Groep.
Toelichting 32.3. Relaties met andere door de Staat gecontroleerde ondernemingen
De Groep levert telecomdiensten aan verschillende door de Staat gecontroleerde ondernemingen. Al deze transacties verlopen op basis van normale klant/leverancier–relaties en volgens bepalingen en voorwaarden die niet voordeliger zijn dan die voor andere klanten en leveranciers. De diensten verleend aan door de Staat gecontroleerde ondernemingen vertegenwoordigen geen belangrijk deel van de netto-omzet van de Groep.
Toelichting 32.4. Relaties met top management personeel
De vergoeding van de bestuurders is als volgt: een jaarlijkse vaste vergoeding van 50.000 EUR voor de Voorzitter van de Raad van Bestuur en van 25.000 EUR voor de andere leden van de Raad van Bestuur, met uitzondering van de Gedelegeerd-Bestuurder. Alle leden van de Raad van Bestuur, met uitzondering van de Gedelegeerd-Bestuurder, hebben recht op een zitpenning van 5.000 EUR per bijgewoonde vergadering van de Raad van Bestuur. Ten slotte wordt een zitpenning van 2.500 EUR per vergadering toegekend aan ieder lid van een adviserend Comité van de Raad van Bestuur, met uitzondering van de Gedelegeerd-Bestuurder. Voor de Voorzitter wordt het bedrag van de zitpenningen verdubbeld. De totale bezoldiging voor de bestuurders bedroeg EUR 942.000 voor 2009 en EUR 914.375 voor 2010. De bestuurders hebben noch leningen noch voorschotten ontvangen van de Groep.
Het aantal vergaderingen van d e Raad van Bestuur e n van d e Comités van d e Raad van Bestuur is hieronder gedetailleerd.
| 2009 | 2010 | |
|---|---|---|
| Raad van Bestuur | 5 | 5 |
| Audit-en Toezichtscomité | 5 | 5 |
| Benoemings-en Bezoldigingscomité | 5 | 8 |
| Ad-hoccomité | 1 (1) | 0 |
| Comité voor Strategie en Bedrijfsontwikkeling | 1 | 2 |
| "(1) De Raad van Bestuur heeft tijdens zijn vergadering van 3 0 juli 2009 beslist o bestaande uit d e leden van het Benoemings- e n Bezoldigingscomité, uitgebreid met d Toezichtscomité o m het standpunt van d e Raad van Bestuur voor t |
m een ad-hoccomité samen t e Voorzitter van het Audit- e e bereiden met betrekking tot het onderzoek van het |
e stellen, n |
Toezichtscomité o m het standpunt van d e Raad van Bestuur voor t e bereiden met betrekking tot het onderzoek van het CBFA over het misbruik van voorkennis.
Voor het jaar eindigend op 31 december 2009 werd een totaal bedrag van 8.311.442 EUR (inclusief sociale lasten en op aandelen gebaseerde betalingen) betaald aan de leden van het "Belgacom Management Committee" (BMC), de Gedelegeerd-Bestuurder inbegrepen. In 2009 waren de leden van het Belgacom Management Committee A. De Lathauwer, D. Bellens, R. Stewart, S. Alcott, M. Georgis, M. De Coster en G. Dallemagne.
Voor het jaar eindigend op 31 december 2010 werd een totaal bedrag van 11.264.598 EUR (inclusief sociale lasten en op aandelen gebaseerde betalingen) betaald aan de leden van het "Belgacom Management Committee" (BMC), de Gedelegeerd-Bestuurder inbegrepen. In 2010 waren de leden van het Belgacom Management Committee A. De Lathauwer, D. Bellens, R. Stewart, S. Alcott, M. Georgis, M. De Coster (8 maanden) en G. Dallemagne.
Dit totale bedrag van vergoedingen van het top management omvat de volgende elementen:
- korte termijn vergoedingen: omvat zowel jaarsalaris (basis en variabel) als andere korte termijn vergoedingen zoals groepsverzekering, privé gebruik van directiewagens, maaltijdcheques, en inclusief de betaalde sociale zekerheidslasten op deze voordelen;
- Vergoedingen na uitdiensttreding: verzekeringspremies betaald door de Groep in naam van de leden van het BMC. De premies dekken hoofdzakelijk een bijkomend pensioenplan.
- Op aandelen gebaseerde betalingen: kost van de korting van 16,67% vergeleken met de marktprijs in het "Discounted Share Purchase Plan" en de reële waarde van de aandelenopties (die wordt erkend over de verwervingsperiode volgens de graduele verwervingsmethode) ; en
- Beëindigingsvoordelen
| Boekjaar afgesloten op 31 december | ||||
|---|---|---|---|---|
| EUR | 2009 | 2010 | ||
| Korte termijn vergoedingen Vergoedingen na uitdiensttreding Beëindigingsvoordelen |
5.079.039 1.308.847 0 |
5.876.229 1.958.144 984.886 |
||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 1.923.556 | 2.445.339 | ||
| Totaal | 8.311.442 | 11.264.598 |
Zowel in 2009 als 2010 werden er geen andere lange termijn voordelen toegekend aan de BMC leden.
Toelichting 32.5. Regelgeving
De telecommunicatiesector wordt gereguleerd door wetten goedgekeurd door het Belgische parlement via een reeks Koninklijke en Ministeriële Besluiten en ook via beslissingen van het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie, gewoonlijk "BIPT" genoemd. Het Belgische licentiestelsel voorziet individuele licenties voor de levering van diensten van vaste openbare telefonie, openbare netwerkinfrastructuur en mobiele telecommunicatie.
Bepaalde voorzieningen en principes in de wet op de overheidsbedrijven bepalen dat Belgacom gehouden is publieke en gereglementeerde diensten te leveren.
Toelichting 33. Rechten, verbintenissen en voorwaardelijke verplichtingen
Operationele leaseverbintenissen
De Groep huurt locaties voor haar telecominfrastructuur en huurt gebouwen, technische en netwerkapparatuur, meubilair en voertuigen binnen het kader van operationele leasing met looptijden van één jaar of meer. Huurkosten met betrekking tot de operationele leases bedroegen 132 miljoen EUR in 2009 en 125 miljoen EUR in 2010. De toekomstige minimaal t e betalen huur voor d e niet-opzegbare operationele leases bedraagt per 3 1 december
2010:
| (in miljoen EUR) | Binnen het jaar |
1 - 3 jaar | 3 - 5 jaar | Meer dan 5 jaar |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Gebouwen | 1 9 |
2 5 |
1 0 |
3 | 5 7 |
| Locaties | 2 0 |
3 8 |
3 7 |
6 8 |
163 |
| Technische en netwerk uitrusting | 1 8 |
4 | 1 | 1 | 2 4 |
| Meubilair | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Voertuigen | 2 9 |
4 2 |
1 0 |
1 | 8 2 |
| Andere materiaal | 1 | 2 | 1 | 0 | 3 |
| Totaal | 8 7 |
111 | 5 8 |
7 2 |
329 |
Claims en gerechtelijke procedures
Op geregelde tijdstippen is de Groep het voorwerp geweest en verwacht zij het voorwerp te zullen blijven van juridische, regulatoire en fiscale procedures en vorderingen tijdens de gewone bedrijfsvoering. De Groep is thans betrokken in verschillende gerechtelijke en regulatoire procedures, met inbegrip van deze waarvoor een provisie werd aangelegd (zie punt 17) en deze, hieronder beschreven, waarvoor geen of slechts een beperkte provisie werd aangelegd, in rechtsgebieden waarin de Groep actief is en voor zaken die verband houden met zijn bedrijfsvoering. Deze procedures omvatten ook procedures voor het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie ("BIPT"), beroepen tegen beslissingen genomen door het BIPT en procedures met de Belgische fiscale administraties rond belastingen op onroerend goed en vennootschapsbelasting.
- Na de lancering op 1 juni 2005 door Belgacom van de Happy Time tarieven, heeft Tele2 een klacht ingediend bij de Belgische mededingingsautoriteit, waarin Tele2 i) beweerde dat de genoemde tarieven een misbruik van machtspositie uitmaken (27 juni 2005) en ii) verzocht om voorlopige maatregelen op te leggen, m.n. de schorsing van het Happy Time aanbod, gedurende de procedure (5 juli 2005).
Op 1 september 2006 werd Tele2"s verzoek om voorlopige maatregelen eerst verworpen door de Voorzitter van de Raad voor de Mededinging. Ingevolge een hoger beroep van Tele2, heeft het Hof van Beroep vervolgens op 18 december 2007 voormelde beslissing vernietigd, daarbij onder meer de gebrekkige motivering aanvoerend.
Desalniettemin heeft Tele2 niet gevraagd aan de Voorzitter om een nieuwe beslissing te nemen over zijn verzoek om voorlopige maatregelen, maar heeft Tele2 op 18 april 2008 een verzoek tot schadevergoeding ingediend bij de Rechtbank van Koophandel, welke steunde op een beweerd misbruik van machtspositie (het Happy Time tariefplan) (vordering van 1 EUR provisioneel en verzoek om een gerechtelijk deskundige aan te duiden om de precieze schade te begroten). Deze zaak over de grond is thans nog steeds hangende voor de Rechtbank. De kalender voor een beslissing over de grond van de zaak is niet bekend.
In de zaak over de grond van de klacht bij de Mededingingsautoriteit, heeft het Auditoraat op 29 september 2009 zijn gemotiveerd verslag uitgebracht, waarin hij voorstelde aan de Raad voor de Mededinging dat Belgacom misbruik had gemaakt, en dat nog steeds doet, van haar machtspositie door wurgprijzen te hanteren. De hoorzittingen voor de Raad voor de Mededinging hebben intussen plaatsgevonden. De kalender voor een beslissing over de grond van de zaak is op dit ogenblik onbekend.
Ingevolge het verslag van het Auditoraat, heeft de directie de voorwaardelijke schulden van de Groep opnieuw geëvalueerd, daarbij rekening houdend met de actuele juridische stand van beide geschillendossiers. Belgacom zal elke verdere ontwikkeling in beide zaken van nabij opvolgen en zal ondertussen krachtig haar belangen blijven verdedigen.
Hierbij dient nog opgemerkt dat, gelet op verschillende herschikkingen binnen de KPN Groep, de eiser in deze zaak thans KPN Belgium is.
-
- Tussen 12 en 14 oktober 2010, heeft de Belgische Algemene Directie Mededinging een huiszoeking uitgevoerd in de kantoren van Belgacom te Brussel. Het onderzoek kadert in de aantijgingen van Mobistar en KPN betreffende de wholesalediensten voor DSL, waarvoor Belgacom obstructiepraktijken zou hebben gehanteerd. Met deze maatregel wordt geen enkele uitspraak gedaan over het eindresultaat van het volledige onderzoek, dat pas gestart is. Volgend op de huiszoeking, moet de Algemene Directie Mededinging nu alle relevante elementen van de zaak onderzoeken. Uiteindelijk kan het Auditoraat een voorstel van beslissing voorleggen aan de Raad voor de Mededinging. Tijdens deze procedure zal Belgacom de gelegenheid krijgen om zijn standpunten kenbaar te maken. (Deze procedure kan meerdere jaren in beslag nemen.)
-
- In juni 2003, heeft KPN Group Belgium (voorheen BASE) tegen Belgacom (voorheen Belgacom Mobile) een verzoek tot schadevergoeding ingediend bij de Rechtbank van Koophandel te Brussel, daarbij aanvoerend dat:
- Belgacom"s mobiele afgiftetarieven sinds 1 oktober 2000 niet in overeenstemming zouden zijn met de officiële telecommunicatieregelgeving, die kostoriëntatie voorschrijven;
- Belgacom"s Proximus-naar-Proximus tarieven, ook gekend als on-net tarieven, vanaf 1999 een misbruik zouden uitmaken van Belgacom"s vermeende machtspositie op de Belgische markt.
Voor de beide aantijgingen varieerde de voorlopige raming van de schadeclaim in de loop van de procedure, in functie van de verschillende methodologieën die zijn voorgesteld aan de Rechtbank. Volgens de laatste dossierstukken (die dateren van voor de tussenbeslissing van 2007, zie hierna voor details) zou de gezamenlijke schadeclaim ongeveer 1 miljard EUR bedragen.
In maart 2004, heeft Mobistar een verzoek ingediend om vrijwillig tussen te komen in de procedure die KPN Group Belgium tegen Belgacom had aangespannen. Daarbij voerde Mobistar hetzelfde aan met betrekking tot Belgacom"s on-net tarieven, ook al zijn de aantijgingen van Mobistar dan in hoofdzaak gericht tegen de tariefplannen die Belgacom aanbiedt aan haar business en corporate klanten. Naast een verzoek tot schadevergoeding, heeft Mobistar aan de Rechtbank ook het verzoek gericht dat een gerechtelijk expert zou worden aangeduid om het bedrag te berekenen van de vermeende schade.
Op 29 mei 2007, na een uitgebreide uitwisseling van feitelijke en juridische argumenten, heeft de Rechtbank van Koophandel te Brussel het volgende beslist:
- met betrekking tot de eerste aantijging, dat Belgacom de verplichting tot kostoriëntatie voor haar mobiele afgiftetarieven niet heeft miskend; het verzoek tot schadevergoeding werd dan ook verworpen; en
- met betrekking tot de tweede aantijging, het vermeend misbruik van dominante positie rond de Proximus-naar-Proximus tarieven:
- o De Rechtbank vond geen bewijs van het bestaan van een machtspositie in 2005; voor de voorgaande jaren (1999 2004), oordeelde de Rechtbank dat Belgacom zich wel in een machtspositie heeft bevonden;
- o De Rechtbank verwierp twee types van vermeende misbruiken; en
- o Met betrekking tot twee andere types van misbruiken, heeft de Rechtbank een expertenpannel, bestaande uit de heren Robert Wtterwulghe en Mr. Cyril Nourissant, gevraagd om de zaak verder te onderzoeken, met de volgende opdracht:
Netwerkeffecten:
Bepalen of de Proximus prijsplannen, die off-net/on-net verschillen bevatten en als dusdanig door KPN Group Belgium en Mobistar worden betwist, mededingingsbeperkende effecten hebben die betrekking hebben op netwerkeffecten; en
Indien mogelijk, de schade bepalen die daardoor veroorzaakt zou zijn.
Wurgprijzen:
- Bepalen of er sprake was van mededingingsbeperkende wurgprijzen met betrekking tot voormelde tariefplannen; en
- Indien mogelijk, de schade bepalen die daardoor veroorzaakt zou zijn.
- Op 2 oktober 2009, heeft het expertenpanel zijn voorlopige verslag voorgesteld en geoordeeld:
- dat het bestaan van de vermeende inbreuken op het mededingingsrecht was bewezen;
- dat de vermeende impact van de Proximus on-net tarieven tijdens de jaren 1999-2004 opliep tot een bedrag van 1,18 miljard EUR.
Naar het oordeel van Belgacom bevat het eerste voorlopige verslag geen bewijs van het bestaan van de vermeende inbreuken op het mededingingsrecht en evenmin van het bestaan van enige schade.
Belgacom stelt vast dat dit expertenpanel een nooit eerder geziene prospectieve methode heeft gehanteerd, waarvan het gebruik en de uitvoering ongepast zijn. Het panel oordeelde dat ingevolge de vermeende inbreuken op het mededingingsrecht KPN Group Belgium en Mobistar minder goed hebben gepresteerd in vergelijking tot de resultaten en marktaandelen die zij zouden hebben behaald op een efficiënte markt, redenering en conclusies waarmee Belgacom het ten stelligste oneens is. Bovendien verwees het panel voor zijn benchmark van een efficiënte markt naar het Verenigd Koninkrijk in de periode 1999-2004, wat, naar het oordeel van Belgacom, hoogst betwistbaar is. Tenslotte blijkt uit een analyse van het verslag dat tal van vragen rijzen met betrekking tot de gebruikte gegevens en de wiskundige nauwkeurigheid van de berekeningen en dit op alle niveaus van de beoordeling van de zaak. Rekening gehouden met deze opmerkingen kan Belgacom alleen maar de mening zijn toegedaan dat dit eerste voorlopige verslag niet kan worden beschouwd als een betrouwbaar resultaat van de opdracht die aan het expertenpanel was toevertrouwd.
Op 10 december 2010, heeft het expertenpanel een tweede voorlopige verslag ingediend, dat o.m. rekening houdt met de aanvullende informatie die op verzoek van de experten uitgewisseld is. In navolging van de principes weergegeven in het eerste voorlopige verslag en dus, in het bijzonder, steunend op dezelfde nooit geziene en prospectieve methode, stelt dit tweede verslag dat kan worden geoordeeld dat de vermeende impact op Mobistar en KPN Group Belgium 1,84 miljard EUR zou bedragen.
Volgens Belgacom, levert dit tweede verslag, dat nog altijd voorlopig is, geen enkel bewijs van de vermeende inbreuken op het mededingingsrecht. Na een grondige analyse, stelt Belgacom vast dat in het tweede voorlopige verslag de overgrote meerderheid van de opmerkingen en kritieken die Belgacom heeft geuit met betrekking tot het eerste voorlopige verslag onbeantwoord zijn gebleven. Belgacom stelt ook vast dat de verslagen van haar eigen experten, welke betrekking hadden op de verschillende elementen die door het expertenpanel moesten worden beoordeeld, zoals daar zijn de vragen rond netwerkeffecten van de on-net tarieven, rond het bestaan van wurgprijzen, rond de mededingingsbeperkende effecten van beide en rond de respectieve schade die deze praktijken zouden hebben veroorzaakt, in zeer ruime mate genegeerd werden. Bovendien brengt het tweede verslag een aantal nieuwe elementen aan die Belgacom hoogst betwistbaar vindt (in het bijzonder, die elementen die leiden tot een verhoging van het vermeende schadebedrag, vergeleken met het eerste voorlopige verslag, o.a. de invoering van een vast winstgevendheid-benchmark voor de hele periode gebaseerd op de markt in het Verenigd Koninkrijk in de periode 1999-2004, tijdens welke de betrokken operatoren zich in een verschillende fase van ontwikkeling bevonden in vergelijking met de operatoren op de Belgische markt).
Om deze en een aantal andere redenen, heeft Belgacom beslist om een vordering in te dienen tot wraking/vervanging van de experten. Deze vordering zal door de Rechtbank in de nabije toekomst moeten worden behandeld.
In elk geval en zoals dat ook voorgeschreven is in deze procedure, zal Belgacom verder, telkens dit is vereist, gedetailleerde opmerkingen en kritieken blijven indienen, welke betrekking hebben op alle aspecten van deze hangende zaak.
Er dient hierbij worden verstaan dat het uiteindelijk aan de Rechtbank zal toekomen om te oordelen (i) of er anticoncurrentiële praktijken zijn geweest die het mededingingsrecht hebben geschonden, (ii) of Belgacom aansprakelijk is voor deze praktijken en (iii) welke mogelijke schadevergoeding betaald moet worden, en dit nadat het advies van het expertenpanel en de argumenten van de partijen ter verdediging zijn gehoord.
Immers, deze zaak betreft niet uitsluitend een debat over mogelijke schade die zou zijn veroorzaakt, maar eerst en vooral moet het bestaan van de vermeende anti-concurrentiële praktijken worden aangetoond. Indien een eindverslag nog vereist zou zijn in deze zaak, dan meent Belgacom dat de experten rekening zullen moeten houden met de opmerkingen en kritieken van Belgacom.
Belgacom blijft de vorderingen van zowel KPN Group Belgium als van Mobistar betwisten en dus ook de inhoud van het tweede voorlopige verslag van het expertenpanel met betrekking tot het bestaan zelf van de inbreuk en met betrekking tot de berekening van de schade.
Ingevolge het verslag van het Auditoraat, heeft de directie de voorwaardelijke schulden van de Groep opnieuw geëvalueerd, daarbij rekening houdend met de actuele juridische stand van beide geschillendossiers. Belgacom zal elke verdere ontwikkeling in beide zaken van nabij opvolgen en zal ondertussen krachtig haar belangen blijven verdedigen.
In oktober hebben zeven partijen (Telenet, KPN Group Belgium (voorheen Base), KPN Belgium Business (voorheen Tele 2 Belgium), KPN BV (voorheen Sympac), BT, Verizon, Colt Telecom) een vordering ingesteld tegen Belgacom bij de Rechtbank van Koophandel te Brussel en hebben daarbij aantijgingen geformuleerd die sterk lijken op deze vermeld in voornoemde zaak (met inbegrip van de Proximus-naar-Proximus tarieven die een misbruik van machtspositie op de Belgische markt zouden uitmaken), maar voor telkens andere periodes afhankelijk van de betrokken partij, zij het tussen 1999 tot op heden (vordering van 1 EUR provisioneel en verzoek om een gerechtelijk deskundige aan te duiden die de precieze schade moet berekenen). In november 2009 heeft Mobistar opnieuw een gelijkaardige vordering ingesteld voor de periode vanaf 2004. Deze zaken zijn voor onbepaalde tijd uitgesteld.
- In de procedure volgend op een klacht van KPN Group Belgium in 2005 bij de Belgische Mededingingsautoriteiten, heeft deze laatste op 26 mei 2009 één van de vijf misbruiken van machtspositie bevestigd die het Auditoraat op 22 april 2008 ten laste had gelegd, m.n. wurgprijzen in 2004-2005 op de professionele markt. De Belgische Mededingingsautoriteiten oordeelden dat de tarieven voor gesprekken tussen Proximus-klanten ("on-net tarieven") lager waren dan de tarieven die werden aangerekend aan concurrenten voor de routering van gesprekken van hun eigen netwerk naar dat van Proximus ("afgiftetarieven"), verhoogd met een aantal andere relevant geachte kosten. Alle andere tenlasteleggingen van het Auditoraat werden verworpen. De Mededingingsautoriteiten hebben daarbij aan Belgacom ook een boete opgelegd van 66,3 miljoen EUR wegens misbruik van een machtspositie tijdens de jaren 2004 en 2005. Belgacom was verplicht deze boete te betalen voor 30 juni 2009 en heeft deze (net van bestaande provisies) geboekt als een niet weerkerende uitgave in de winst&verliesrekening voor het tweede kwartaal van 2009.
Belgacom heeft bij het Hof van Beroep te Brussel hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de Mededingingsautoriteiten. Zij betwist daarbij een groot aantal elementen van de beslissing, o.m. het feit dat de impact op de markt niet was onderzocht. Ook KPN Group Belgium en Mobistar hebben tegen de genoemde beslissing hoger beroep ingesteld.
-
- In 2007 heeft de Belgische belastingadministratie een buitenlandse dochteronderneming van de Groep beschouwd als een Belgische ingezetene eerder dan een Luxemburgse ingezetene en dus onderworpen aan de Belgische vennootschapsbelasting voor het jaar 2004. In 2008 handhaafde de Belgische belastingadministratie haar positie voor het jaar 2004 en heeft zij bovendien de Belgische vennootschapsbelasting ingekohierd voor de daaropvolgende jaren 2005 en 2006. Belgacom heeft sterke argumenten om de aanslagen voor deze jaren, ten belope van 69 miljoen EUR, exclusief interesten (voor de jaren 2004, 2005 en 2006, samen genomen), af te wijzen en deze te betwisten.
-
- Sinds 2003 beschouwt Belgacom de aanslagen in de onroerende voorheffing op telecomuitrustingen als niet verschuldigd. Bijgevolg heeft Belgacom een vordering geboekt ten aanzien van de belastingadministratie in de post "terug te vorderen belastingen" op de actiefzijde van de balans ten belope van 146 € Mio voor het boekjaar eindigend op 31 december 2009 en ten belope van 170 € Mio voor het boekjaar eindigend op 31 december 2010.
Kapitaalverbintenissen
Op 31 december 2010 had de Groep verbintenissen aangegaan ter waarde van 66 miljoen EUR, voornamelijk voor de aanschaffing van immateriële vaste activa en technische en netwerkapparatuur.
Andere rechten en verbintenissen
Op 31 december 2010 had de Groep de volgende andere rechten en verbintenissen:
- De Groep heeft garanties ontvangen van haar klanten voor een bedrag van 6 miljoen EUR om de betaling van haar handelsvorderingen te garanderen, en van haar leveranciers voor een bedrag van 8 miljoen EUR om het goede verloop van de door de Groep bestelde werken of contracten te garanderen;
- De Groep heeft garanties aan haar klanten en andere derde partijen verleend om onder meer de voltooiing te garanderen van de contracten en werken,die werden besteld door haar klanten, en om de betaling van huurkosten voor gebouwen en sites voor antenne installaties te garanderen voor een bedrag van 38 miljoen EUR (inbegrepen de bankgaranties vermeld in toelichting 31.2);
- Belgacom heeft een recht, gevestigd door de Belgische wetgeving met betrekking tot de Universele Dienstverlening, om een compensatie te ontvangen van het fonds voor Universele Dienstverlening voor het aanbieden van sociale tarieven vanaf 1 juli 2005. Dit recht wordt door sommige operatoren betwist en de Europese Commissie heeft België hiervoor aangeklaagd voor het Europees Hof. In oktober 2010 verklaarde het Europees Hof de Belgische wetgeving niet conform en vraagt ze nieuwe wetgevende initiatieven van de Belgische staat. Voor deze redenen beschouwt de Groep de te ontvangen compensatie als een voorwaardelijk actief.
Toelichting 34. Cross border lease-overeenkomsten
Tijdens de periode van 1996 tot 2001 is de Groep verschillende cross border lease-overeenkomsten aangegaan met buitenlandse investeerders voor een gedeelte van haar centrales voor vaste en mobiele telefonie. Volgens de voorwaarden van deze overeenkomsten, waarvan de duur varieert van 13 tot 16 jaar, heeft de Groep op de aanvangsdatum van de overeenkomsten een totaal bedrag van 681 miljoen USD ontvangen en een totaal bedrag van 652 miljoen USD aan deposito"s geplaatst. De Groep ging bovendien met betrekking tot de deposito"s niet-terugbetaalbare betalingsverbintenissen aan met banken met hoge kredietwaardigheid.
In naleving van deze overeenkomsten heeft de Groep vergoedingen van buitenlandse investeerders ontvangen of winsten gerealiseerd voor een totaal bedrag van 23 miljoen EUR. Deze vergoedingen of winsten worden erkend in de jaarrekening in de rubriek "andere bedrijfsopbrengsten" gedurende de gebruiksduur van de respectieve overeenkomsten. De vergoedingen die effectief in de opbrengsten zijn opgenomen bedragen 0,3 miljoen EUR in 2009 en een netto 1,0 miljoen EUR in 2010.
Op 25 september 2002 heeft de Groep haar investeringen in Ben Nederland Groep verkocht, maar is overeengekomen dat de betaling van de leaseschulden ten bedrage van 31 miljoen USD (24 miljoen EUR) op 31 december 2010 verder door haar wordt gewaarborgd indien de ondernemingen met betalingsverbintenis betrokken in de desbetreffende cross border leaseovereenkomst insolvabel zouden worden. Het risico dat deze garantie zal leiden tot een uitbetaling door de Groep wordt beperkt door het feit dat de betrokken deposito-instellingen een AAA of A+ rating hebben bij Standard & Poor"s. De termijn van de leaseschuld in kwestie verstrijkt in 2012.
Alleen deze overeenkomst loopt nog per 31 december 2010, na het vroegtijdig beëindigen in 2010 van een overeenkomst ten bedrage van 45 miljoen USD eind 2009 en daterend van 1999.
Toelichting 35. Op aandelen gebaseerde betalingen
Aandelen aankoopplannen met korting
In 2009 en 2010 heeft de Groep aandelen aankoopplannen met korting gelanceerd.
Onder de 2009 en 2010 plannen verkocht Belgacom respectievelijk 221.238 en 294.304 aandelen aan het senior management van de Groep met een korting van 16,67% in vergelijking met de marktprijs (prijs na korting van respectievelijk 22,71 EUR en 22,04 EUR per aandeel). De kost van deze kortingen bedroeg 0,8 miljoen EUR in 2009 en 0,9 miljoen EUR in 2010 en is opgenomen onder de rubriek "personeelskosten" ( zie toelichting 24).
Aandelenoptieplannen
De evolutie van het aandelenoptieplannen is als volgt:
In 2009 en 2010 lanceerde Belgacom aandelenoptieplannen waarbij respectievelijk 1.008.021 en 1.023.210 aandelenopties werden toegekend aan het top management en aan het senior management van de Groep.
Zoals voorgeschreven in IFRS 2 ("Aandelengebaseerde betalingen"), erkent de Groep de reële waarde van het aandelengedeelte van de opties op de toekenningsdatum over de periode (drie jaar) totdat de genieter de optie onvoorwaardelijk verwerft volgens de graduele verwervingsmethode; en het schuldengedeelte van deze opties wordt regelmatig geherwaardeerd. Deze reële waarde bedraagt 4 miljoen EUR voor het 2009-plan en 3 miljoen EUR voor het 2010 plan. De jaarlijkse kost van de graduele verwerving, wordt geregistreerd in de personeelskosten, evenals de herwaardering van het schuldengedeelte van deze opties, en bedraagt 5 miljoen EUR in 2009 en 10 miljoen EUR in 2010.
Bij uitoefening zal de werknemer de uitoefenprijs van 22,71 EUR per aandeel betalen in het kader van het 2009-plan en 26,445 EUR per aandeel voor het 2010-plan, in ruil voor de fysieke levering van het aandeel. De aandelenopties zijn uitoefenbaar tot en met 19 april 2016 voor het 2009-plan en 2 mei 2017 voor het 2010-plan.
De plannen toegekend in 2004, 2005, 2006, 2007 en 2008 zijn nog steeds open. Alle plannen, behalve het 2004-plan, geven de begunstigden recht op de voorgestelde dividenden na toekenning van de opties. De dividendschuld bedroeg 7 miljoen EUR per 31 december 2009 en 11 miljoen EUR per 31 december 2010 en is opgenomen onder de rubriek "Andere kortetermijnschulden".
In 2009 gaf de Groep aan zijn optiehouders de gelegenheid om vrijwillig de uitoefenperiode van alle plannen met 5 jaar te verlengen (met uitzondering van het 2009 plan) en dit binnen de wettelijke richtlijnen.
Voor alle plannen, met uitzondering van het 2004-plan, vervallen, in geval van vrijwillig vertrek van de werknemer, alle niet verworven opties, behalve in het eerste jaar, waarvoor het eerste derde van de opties onmiddellijk wordt verworven en dient te worden uitgeoefend binnen de twee jaar na datum van vertrek. Ingeval van onvrijwillig vertrek van de werknemer worden alle toegekende opties onmiddellijk verworven en dienen zij te worden uitgeoefend binnen de twee jaar na datum van vertrek of minstens binnen 3 jaar vanaf 1 januari van het jaar volgend op de toekenningsdatum.
| Aantal aandelenopties | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Plan 2004 | Plan 2005 | Plan 2006 | Plan 2007 | Plan 2008 | Plan 2009 | Plan 2010 | |
| In omloop op 1 januari 2004 | 0 | ||||||
| Bewegingen gedurende het jaar 2004 | 0 | ||||||
| Toegekend | 1.128.500 | ||||||
| Verbeurd | 0 | ||||||
| Uitgeoefend | 0 | ||||||
| Vervallen | 0 | ||||||
| In omloop op 31 december 2004 | 1.128.500 | - | - | - | |||
| Uitoefenbaar op 31 december 2004 | 0 | - | - | - | |||
| Bewegingen gedurende het jaar 2005 Toegekend |
538.541 | ||||||
| Verbeurd | -21.114 | - | |||||
| Uitgeoefend | -169.435 | - | |||||
| Vervallen | - | - | |||||
| Totaal | -190.549 | 538.541 | |||||
| In omloop op 31 december 2005 | 937.951 | 538.541 | - | - | |||
| Uitoefenbaar op 31 december 2005 | 210.255 | 0 | - | - | |||
| Bewegingen gedurende het jaar 2006 | |||||||
| Toegekend | - | - | 608.928 | ||||
| Verbeurd | -5.583 | -1.600 | - | ||||
| Uitgeoefend | -196.188 | -5.562 | -9.265 | ||||
| Vervallen | - | - | - | ||||
| Totaal In omloop op 31 december 2006 |
-201.771 736.180 |
-7.162 531.379 |
599.663 599.663 |
- | |||
| Uitoefenbaar op 31 december 2006 | 386.879 | 177.562 | 31.722 | - | |||
| Bewegingen gedurende het jaar 2007 | |||||||
| Toegekend | - | - | 475.516 | ||||
| Verbeurd | -5.255 | -5.491 | -5.341 | -1.236 | |||
| Uitgeoefend | -140.292 | -29.373 | -81.096 | - | |||
| Vervallen | - | - | - | - | |||
| Totaal | -145.547 | -34.864 | -86.437 | 474.280 | |||
| In omloop op 31 december 2007 | 590.633 | 496.515 | 513.226 | 474.280 | |||
| Uitoefenbaar op 31 december 2007 | 590.633 | 341.739 | 211.182 | 30.742 | |||
| Bewegingen gedurende het jaar 2008 | |||||||
| Toegekend Verbeurd |
- -2.310 |
- -3.800 |
- -4.096 |
- -5.070 |
796.197 - |
||
| Uitgeoefend | -269.776 | -1.786 | -9.358 | - | - | ||
| Vervallen | - | - | |||||
| Totaal | -272.086 | -5.586 | -13.454 | -5.070 | - | ||
| In omloop op 31 december 2008 | 318.547 | 490.929 | 499.772 | 469.210 | 796.197 | ||
| Uitoefenbaar op 31 december 2008 | 318.547 | 490.929 | 354.825 | 183.044 | 21.584 | ||
| Bewegingen gedurende het jaar 2009 | |||||||
| Toegekend | 1.008.021 | ||||||
| Verbeurd | -6.750 | -18.735 | -180 | -617 | - | - | |
| Uitgeoefend | -15.911 | -31.496 | -11.777 | - | - | - | |
| Vervallen | - | - | - | - | - | - | |
| Totaal | -22.661 | -50.231 | -11.957 | -617 | - | 1.008.021 | |
| In omloop op 31 december 2009 Uitoefenbaar op 31 december 2009 |
295.886 295.886 |
440.698 440.698 |
487.815 487.815 |
468.593 334.171 |
796.197 297.619 |
1.008.021 3.621 |
|
| Bewegingen gedurende het jaar 2010 | |||||||
| Toegekend | - | 1.023.210 | |||||
| Verbeurd | -2.406 | 1.500 | -16.580 | 156 | -308 | - | |
| Uitgeoefend | -260.726 | -37.960 | -206.602 | -7.237 | -4.096 | -57.033 | |
| Vervallen | - | - | - | - | - | - | |
| Totaal | -263.132 | -36.460 | -223.182 | -7.081 | -4.404 | -57.033 | 1.023.210 |
| In omloop op 31 december 2010 | 32.754 | 404.238 | 264.633 | 461.512 | 791.793 | 950.988 | 1.023.210 |
| Uitoefenbaar op 31 december 2010 | 32.754 | 404.238 | 264.633 | 461.512 | 579.250 | 341.745 | 40.435 |
| De volgende assumpties werden gebruikt voor de bepaling van de gewogen-gemiddelde rëele waarde van de aandelenopties op toekenningsdatum: | |||||||
| Plan 2004 | Plan 2005 | Plan 2006 | Plan 2007 | Plan 2008 | Plan 2009 | Plan 2010 | |
| Optie prijszettingsmodel | Binomiaal | Black Scholes | Black Scholes | Black Scholes | Black Scholes | Black Scholes | Black Scholes |
| Toekeningsdatum | 22/03/2004 | 25/04/2005 | 24/04/2006 | 23/04/2007 | 21/04/2008 | 20/04/2009 | 03/05/2010 |
| Dividend rechten vanaf toekeningsdatum | nee | ja | ja | ja | ja | yes | yes |
| Contractuele looptijd van de opties | 7 jaar | 7 jaar | 7 jaar | 7 jaar | 7 jaar | 7 years | 7 years |
| Verlenging van de contractuele looptijd in de loop van 2009 | 5 years | 5 years | 5 years | 5 years | 5 years | - | - |
| Geschatte looptijd | 5 (to 6) jaar | 6 jaar | 6 jaar | 6 jaar | 6 jaar | 6 years | 6 years |
| Geschatte looptijd voor de verlengde opties | 11 years | 11 years | 10 years | 10 years | 10 years | - | - |
| Uitoefenprijs (EUR) | 24,50 | 29,92 | 25,94 | 32,71 | 29,14 | 22,71 | 26,445 |
| Verwachte volatiliteit (vergeleken met volatiliteit van | 27,50% | 18,00% | 21,00% | 19,83% | 27,00% | 38,50% | 31,00% |
| gelijkwaardige groepen) | |||||||
| Verwachte ratio voor het uitbetalen van dividenden Risicovrij rentevoet |
50% - 60%/ FCF | 50% - 60%/ FCF | 50% - 60%/ FCF | 50% - 60%/ FCF | 50% - 60%/ FCF Euro swap annual rate Euro swap annual rate Euro swap annual rate Euro swap annual rate Euro swap annual rate Euro swap annual rate Euro swap annual rate |
50% - 60%/ FCF | FCF |
| Reële waarde van aandelenopties (EUR) | 4,29 | 4,15 | 4,02 | 6,25 | 6,68 | 6,90 | 3,47 |
| Gewogen-gemiddelde aandelenprijs bij uitoefening (EUR): | |||||||
| - 2005 | 32,96 | - | - | - | - | - | - |
| - 2006 | 31,87 | 32,67 | 31,98 | - | - | - | - |
| - 2007 | 33,86 | 33,87 | 34,13 | - | - | - | - |
| - 2008 | 27,11 | 26,80 | 28,63 | - | - | - | - |
| - 2009 | 26,07 | 25,64 | 26,81 | - | - | - | - |
| - 2010 | 28,60 | 28,11 | 27,54 | 28,33 | 29,21 | 27,83 | - |
| Overblijvende gewogen-gemiddelde contractuele | 4 | 3 | 6 | 5 | 6 | 5 | 6 |
| looptijd (jaren) |
(*) FCF : Belgacom verbindt er zich toe, vanaf 2010, om in principe, het grootste deel van haar vrije kasstroom uit te keren aan haar aandeelhouders
De volatiliteit werd geraamd op basis van de reële transactiestatistieken van het aandeel en rekening houdend met een alignering aan sommige concurrenten met een gelijkaardig risicoprofiel.
Toelichting 36. Relatie met de bedrijfsrevisor
De Groep gaf gedurende 2010 een bedrag van 1.070.173 EUR uit als honorarium voor de jaarlijkse audit en een bedrag van 315.640 EUR voor andere opdrachten.
Dit laatste bedrag kan als volgt gedetailleerd worden:
| EUR | Commissaris | Netwerk van de commissaris |
|---|---|---|
| Controle opdrachten | 66.837 | 0 |
| Belastingadviesopdrachten | 0 | 13.519 |
| Andere opdrachten | 145.211 | 90.073 |
| Totaal | 212.048 | 103.592 |
Toelichting 37. Segmentinformatie
Met ingang van 1 januari 2008 sturen de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer en het Belgacom Mangagement Committee de activiteiten van de Belgacom Groep aan volgens de nieuwe klantgeoriënteerde organisatie die gestructureerd is rond de volgende vijf rapporteerbare bedrijfssegmenten
- De Consumer Business Unit (CBU) verkoopt spraakproducten en –diensten, internet en televisie, zowel op vaste als mobiele netwerken, aan residentiële klanten, voor op de Belgische markt.
- De Enterprise Business Unit (EBU) verkoopt ICT-diensten en –producten aan professionele klanten, hetzij zelfstandigen, kleine firma"s of grote ondernemingen. Deze ICT-oplossingen, waaronder telefoondiensten, worden vooral gecommercialiseerd onder de merknamen Belgacom, Proximus en Telindus, zowel op de Belgische als de internationale markten.
- De Service Delivery Engine & Wholesale (SDE&W) centraliseert alle netwerk- en IT-diensten en –kosten (uitgezonderd kosten verbonden aan de klantenactiviteiten en aan de levering van ICT-oplossingen), levert diensten aan CBU en EBU en verkoopt deze diensten aan andere telecom- en kabeloperatoren.
- International Carrier Services (ICS) is verantwoordelijk voor de internationale carrieractiviteiten.
- Staff and Support (S&S) groepeert alle horizontale functies (human resources, finance, Legal, strategy and corporate communication), internal services en real estate, die de activiteiten van de Groep ondersteunen.
De fusie van entiteiten en activiteiten van de Groep in Belgacom NV van publiek recht op 4 januari 2010 resulteerde in een aantal verschuivingen tussen segmenten, welke vooral een impact hadden op de segment opbrengsten van mobiele spraak en mobiele data.
De reden hiervoor is het verdwijnen van de inter-segment intercompany bewegingen tussen de gefusioneerde entiteiten en activiteiten. De meest geïmpacteerde intercompany beweging is het vast-naar-mobiele interconnectieverkeer (Belgacom NV naar Proximus). Vóór de fusie betaalde Belgacom NV van publiek recht mobiele terminatiekosten aan Belgacom Mobile NV (Proximus) om vaste gesprekken af te handelen op het Proximus netwerk. Hetzelfde geldt voor het mobiele-naar-vaste interconnectieverkeer, alhoewel de impact veel minder significant is.
Vóór de fusie bestonden deze bewegingen en werden ze geëlimineerd via de "inter-segment eliminaties" en bestaan nu niet meer door de fusie.
De Groep verkoos om de segment rapportering van het jaar eindigend op 31 december 2009 niet aan te passen.
Er werden geen bedrijfssegmenten samengevoegd om tot de bovengenoemde rapporteerbare bedrijfssegmenten te komen.
De Groep houdt de bedrijfsresultaten van zijn rapporteerbare bedrijfssegmenten afzonderlijk bij, zodat hij de gepaste beslissingen kan nemen voor het toewijzen van middelen en het evalueren van de prestaties. De segmentprestaties worden geëvalueerd op basis van de volgende parameters :
- Het bedrijfsresultaat vóór afschrijvingen en vóór niet-recurrente opbrengsten en uitgaven; en
- De kapitaaluitgaven.
De financiering van de Groep (inclusief financiële kosten en financiële opbrengsten) en de winstbelasting worden op het niveau van de Groep beheerd en worden niet aan de bedrijfssegmenten toegewezen.
Om de noodzakelijke middelen te kunnen toewijzen aan de rapporteerbare bedrijfssegmenten, controleert de Groep de segmentactiva op het niveau van de materiële en immateriële vaste activa en de goodwill. Andere vlottende en vaste activa worden niet aan de bedrijfssegmenten toegewezen.
De grondslagen voor financiële verslaggeving van de bedrijfssegmenten zijn dezelfde als de voornaamste grondslagen van de Groep. De segmentresultaten worden daarom gemeten op een gelijkaardige basis als het bedrijfsresultaat in de geconsolideerde jaarrekening.
Transacties tussen de juridische entiteiten van de Groep worden gefactureerd tegen marktconforme voorwaarden.
| Boekjaar afgesloten op 31 december 2009 | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Consumer Business Unit |
Enterprise Business Unit |
Service Delivery Engine & Wholesale |
Staff & Support |
International Carrier Services |
Inter segment eliminaties |
Totaal | |
| Netto omzet Andere bedrijfsopbrengsten Inter-segment opbrengsten TOTAAL SEGMENT OPBRENGSTEN |
2.344 1 5 5 5 2.414 |
2.451 1 4 3 6 2.501 |
287 1 7 8 2 386 |
2 2 0 1 1 3 3 |
838 3 5 2 892 |
-236 -236 |
5.922 6 8 0 5.990 |
|
| Kosten van aan omzetgerelateerde materialen en diensten Personeelskosten en pensioenen Andere bedrijfskosten |
-723 -345 -297 |
-748 -379 -142 |
-72 -193 -185 |
-0 -166 -204 |
-749 -24 -40 |
206 0 2 9 |
-2.087 -1.108 -840 |
|
| TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN voor afschrijvingen | -1.366 | -1.270 | -450 | -370 | -814 | 236 | -4.035 | |
| Totaal segment resultaat (1) | 1.048 | 1.231 | -64 | -337 | 7 8 |
- 0 |
1.955 | |
| Niet-recurrente opbrengsten Niet-recurrente kosten |
-7 | -56 | 0 | 7 4 -1 |
7 4 -62 |
|||
| BEDRIJFSWINST / (VERLIES) voor afschrijvingen | 1.041 | 1.176 | -64 | -337 | 151 | - 0 |
1.967 | |
| Afschrijvingen | -144 | -27 | -437 | -77 | -21 | 0 | -706 | |
| BEDRIJFSWINST / (VERLIES) | 897 | 1.149 | -502 | -413 | 130 | - 0 |
1.261 | |
| Netto financiële kosten | -117 | |||||||
| Winst vóór belastingen | 1.144 | |||||||
| Belastingen | -241 | |||||||
| Nettowinst | 904 | |||||||
| Minderheidsbelangen Nettowinst ( aandeel van de groep) (1) Bedrijfswinst voor afschrijvingen en niet-recurrente kosten en opbrengsten |
-1 904 |
| Boekjaar afgesloten op 31 december 2009 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Consumer Business Unit |
Enterprise Business Unit |
Service Delivery Engine & Wholesale |
Staff & Support |
International Carrier Services |
Inter segment eliminaties |
Totaal |
| Investeringen | 8 9 |
2 0 |
422 | 4 4 |
2 2 |
- | 597 |
| Boekjaar afgesloten op 31 december 2010 | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Consumer Business Unit |
Enterprise Business Unit |
Service Delivery Engine & Wholesale |
Staff & Support |
International Carrier Services |
Inter segment eliminaties |
Totaal | |
| Netto omzet Andere bedrijfsopbrengsten Inter-segment opbrengsten TOTAAL SEGMENT OPBRENGSTEN |
2.337 2 0 1 1 2.368 |
2.401 6 1 4 2.421 |
267 3 7 1 342 |
6 1 9 1 0 3 5 |
1.541 2 6 6 1.610 |
- - -172 -172 |
6.552 5 1 0 6.603 |
|
| Kosten van aan omzetgerelateerde materialen en diensten Personeelskosten en pensioenen Andere bedrijfskosten |
-678 -325 -291 |
-685 -375 -149 |
-46 -203 -202 |
1 -165 -192 |
-1.383 -39 -58 |
150 0 2 2 |
-2.642 -1.107 -870 |
|
| TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN voor afschrijvingen | -1.295 | -1.210 | -451 | -355 | -1.480 | 171 | -4.619 | |
| Totaal segment resultaat (1) | 1.073 | 1.212 | -109 | -320 | 129 | - 1 |
1.984 | |
| Niet-recurrente opbrengsten Niet-recurrente kosten |
- 1 |
- - |
- - |
- 7 |
436 - |
- - |
436 8 |
|
| BEDRIJFSWINST / (VERLIES) voor afschrijvingen | 1.074 | 1.212 | -109 | -314 | 566 | - 1 |
2.428 | |
| Afschrijvingen | -153 | -19 | -480 | -76 | -82 | 1 | -809 | |
| BEDRIJFSWINST / (VERLIES) | 920 | 1.192 | -588 | -389 | 484 | 0 | 1.619 | |
| Netto financiële kosten | -102 | |||||||
| Winst vóór belastingen | 1.517 | |||||||
| Belastingen | -233 | |||||||
| Nettowinst | 1.283 | |||||||
| Minderheidsbelangen Nettowinst ( aandeel van de groep) (1) Bedrijfswinst voor afschrijvingen en niet-recurrente kosten en opbrengsten |
1 7 1.266 |
| Boekjaar afgesloten op 31 december 2010 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| (in miljoen EUR) | Consumer Business Unit |
Enterprise Business Unit |
Service Delivery Engine & Wholesale |
Staff & Support |
International Carrier Services |
Inter segment eliminaties |
Totaal |
| Investeringen | 132 | 2 0 |
492 | 6 2 |
2 7 |
- | 734 |
Wat betreft de geografische indeling, heeft de Groep in België een netto opbrengst gerealiseerd van 4.495 miljoen EUR in 2009 en 4.405 miljoen EUR in 2010, en dit gebaseerd op het land van de klant. De netto opbrengst in andere landen bedroeg 1.427 miljoen EUR in 2009 en 2.147 miljoen EUR in 2010. Meer dan 90% van de segmentactiva zijn in België gevestigd.
Toelichting 38. Recent gepubliceerde IFRS-normen
De Groep past geen normen en interpretaties toe die niet van kracht zijn op 31 december 2010.
Dat betekent dat de Groep de volgende normen en interpretaties niet heeft toegepast maar die van toepassing zijn voor de Groep vanaf 1 januari 2011 of later :
- Verbeteringen aan IFRS normen gepubliceerd in 2009 en 2010.
- IFRS 9 (Financiële Instrumenten),
- IFRIC 19 (Aflossing van financiële verplichtingen met eigenvermogeninstrumenten), en
Aanpassing van IFRIC 14 ( Vooruitbetaling van een minimale financieringsvereiste), IFRIC 7 (Financiële instrumenten : Informatieverschaffing – Niet langer opnemen in de balans), IAS 24 (Informatieverschaffing over verbonden partijen), IAS 32 (Financiële instrumenten : Presentatie - Classificatie van uitgifterechten), IAS 12 (Winstbelastingen – Latente belastingen : herstel van de onderliggende activa)
De Groep zal het mogelijke effect van de toepassing van deze normen of interpretaties op de jaarrekening van de Groep in 2011 onderzoeken.
Toelichting 39. Gebeurtenissen na balansdatum
Op 31 januari 2011 heeft Belgacom een niet-achtergestelde obligatielening op 7 jaar uitgegeven ten belope van 500 miljoen EUR met vaste rentevoet van 3,875% met vervaldag 7 februari 2018 en dit onder het "Euro Medium Term Note" programma. Het doel van deze transactie is het pre-financieren van de in november 2011 vervallende obligatielening.