AI assistant
Ontex Group NV — Annual Report 2026
Apr 3, 2026
3985_rns_2026-04-03_7b8f5209-698e-41cf-95d3-22923409727d.pdf
Annual Report
Open in viewerOpens in your device viewer
Een solide basis bouwen voor morgen Jaarverslag 2025

Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Inhoud

Strategisch rapport 2
| Memo van Voorzitter en CEO | 03 |
|---|---|
| Dit is Ontex | 05 |
| Hoe we waarde creëren | 09 |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur 22
| Algemene informatie | 24 |
|---|---|
| De Raad en hetUitvoerend Comité | 25 |
| Kapitaal, aandeelhouders enbetrokkenheid van investeerders | 37 |
| Relevante informatie in het geval van een | |
| overnamebod | 42 |
| Belangenconflicten | 49 |
| Naleving van de Corporate GovernanceCode 2020 | 50 |
| Gebeurtenissen na het einde van de | |
| verslagperiode | 51 |
| Risicobeheer en intern controlenetwerk | 52 |
| Remuneratieverslag | 65 |
Geconsolideerde jaarrekening 78
| Verklaring van de Raad van Bestuur | |
|---|---|
| Algemene informatie | 81 |
| Algemene informatie | 82 |
| Geconsolideerd financieel verslag | 85 |
| Noten bij de geconsolideerde | |
| jaarrekening | 92 |
| Samenvattende wettelijke | |
| jaarrekeningen | 164 |

Duurzaamheids verklaringen164
| Waarde creëren door duurzaamheid | 166 |
|---|---|
| Algemene informatie | 167 |
| Milieu-informatie | 191 |
| Sociale informatie | 219 |
| Informatie inzake deugdelijk bestuur | 256 |
Verslagen van de Commissaris 262
| Verslag van de commissaris over de geconsolideerde | |
|---|---|
| jaarrekening | 263 |
| Verslag met een beperkte mate van zekerheid van de | |
| commissaris over de geconsolideerde | |
| duurzaamheidsinformatie | 268 |
Informatie over dit rapport 272
| Glossarium | 273 |
|---|---|
| Financiële kalender | 275 |
| Over dit rapport | 276 |
| Vrijwaringsclausule | 276 |
gen
Beste stakeholders
2025 was een uitdagend jaar voor Ontex. De marktconsumptie van babyverzorgingsproducten daalde, de concurrentiedruk van A-merken nam toe en onze algehele prestaties lagen aanzienlijk onder onze oorspronkelijke verwachtingen. 2025 was ook een jaar van gerichte uitvoering, waarin een solide basis werd gelegd om het bedrijf voor te bereiden op duurzame waardecreatie in de komende jaren.
Nieuwe focus op onze kern
In de afgelopen drie jaar heeft Ontex een belangrijke transformatie ondergaan. In 2025 bereikte dit traject een belangrijke mijlpaal met de desinvestering van onze Braziliaanse en Turkse bedrijven. De scherpere focus op retail- en healthcare merken in Europa en Noord-Amerika maakt duidelijkere strategische keuzes en een meer gedisciplineerde toewijzing van middelen aan domeinen met het grootste langetermijn-potentieel mogelijk.
Versterking van efficiëntie, innovatie en klantgerichtheid
De operationele efficiëntie bleef verbeteren, voortbouwend op eerdere footprint en platformoptimalisaties, wat opnieuw aanzienlijke besparingen opleverde. Hoewel deze inspanningen de impact van lagere volumes niet compenseerden, vormen ze essentiële structurele maatregelen om de concurrentiekracht en veerkracht te verbeteren.
Innovatie kreeg robustheid, relevantie en snelheid in onze drie categorieën. Investeringen in R&D-capaciteiten hebben ons vermogen verbeterd om consumenteninzichten om te zetten in schaalbare, betaalbare en duurzamere oplossingen.
De klantgerichtheid bleef centraal staan. Partnerships met retailers in Europa en Noord-Amerika werden verdiept door nauwere samenwerking en meer geïntegreerde werkwijzen. Hoewel de marktdynamiek, vooral in verzorgingsproducten voor baby's,
volatiel was, werden de fundamenten voor waardecreatie op lange termijn versterkt. Kenmerkend is dat verzorgingsproducten voor volwassenen de grootste categorie van Ontex werd. Dat is belangrijk, aangezien we een sterke positie innemen in deze groeiende categorie, wat zowel demografische trends als onze strategische focus weerspiegelt.
Fundamenten versterken
We hebben gedisciplineerde maatregelen genomen om de financiële balans te versterken. De succesvolle herfinanciering van onze senior obligatie verlengde de looptijden en verminderde het risico. Samen met de voltooiing van de desinvesteringen bieden deze acties een stabieler financieel platform, ook al is de hefboomwerking matig toegenomen door lagere winsten.
In lijn met ons streven naar sterk deugdelijk bestuur zijn er na de

"In 2025 hebben we een belangrijke basis gelegd om de fundamenten van Ontex te versterken en het bedrijf voor te bereiden op duurzame waardecreatie in de komende jaren."
Laurent Nielly, CEO

"We hebben de Raad versterkt met drie nieuwe leden, die aanvullende ervaring meebrengen. Hun perspectieven versterken verder het vermogen van de Raad om het bedrijf uit te dagen, te ondersteunen en te begeleiden." Hans Van Bylen, voorzitter van de raad van bestuur
gen

-5% LFL-volumegroei
10% adj. EBITDA-marge 2,0pp)
(25)mln € vrije kasstroom
A score voor CDP Klimaatactie
effectiviteitsbeoordeling van de Raad van 2024 verschillende verbeteringen doorgevoerd. We hebben de Raad versterkt met de benoeming van drie nieuwe leden: Julie Hamilton en Els Verbraecken, die in 2025 aantraden, en Lorenzo Grabau, die begin 2026 aantrad. Zij brengen complementaire ervaring over sectoren en geografische gebieden heen. Hun perspectieven versterken verder het vermogen van de Raad om het bedrijf uit te dagen, te ondersteunen en te begeleiden.
Blik op de toekomst
2025 toonde de passie, toewijding en veerkracht van onze mensen. Over alle functies en regio's heen bleven onze teams presteren, aanpassen en verbeteren, in samenwerking met klanten, leveranciers, financiële stakeholders en andere partners die hun vertrouwen blijven stellen in Ontex.
Maar de uitdagingen blijven. In januari 2026 kondigden we onder leiding van onze nieuw aangestelde CEO Laurent Nielly daarom de lancering aan van een strategische evaluatie om alle hefbomen van waardecreatie te beoordelen, waaronder het bedrijfsportfolio, operationele footprint, route to market en cashgeneratie. Deze evaluatie gaat verder dan de duidelijke prioriteiten die we voor 2026 hebben gesteld, met een sterke focus op executie, financiële discipline en cash.
Wij zijn ervan overtuigd dat Ontex, met de genomen acties en de gelegde fundamenten van de afgelopen jaren, goed gepositioneerd is om met vertrouwen vooruit te gaan. We blijven ons volledig inzetten om de noodzakelijke ingrijpende veranderingen door te voeren, om zo een sterker en concurrerender bedrijf op te bouwen, en om de intrinsieke waarde van Ontex te ontsluiten; voor onze klanten, consumenten, medewerkers en aandeelhouders.
Here for you.
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Dit is Ontex Onze visie voor de toekomst
Sinds 1979 werken we samen met onze stakeholders om kwalitatieve producten voor iedereen toegankelijk te maken.
Ons doel, onze visie en onze strategie geven aan waar Ontex naartoe wil, en hoe iedereen kan bijdragen om waarde te creëren voor onze stakeholders.
Doel
Het dagelijkse leven makkelijker maken, voor allle generaties.
Visie
De nummer 1 betrouwbare partner zijn voor retailers en healthcare merken.
Strategie
Leiderschap in Europa en Noord-Amerika in verzorgingsproducten voor baby's, vrouwen en volwassenen.
Lees meer over hoe onze strategische prioriteiten waarde creëren voor onze stakeholders op pagina 9
5Strategische pijlers
Sterke duurzaamheids- prestaties
Kostenefficiënte bedrijfsvoering
Prestatie- gedreven organisatie
Competitieve innovatie
Klantgericht- heid
Competitieve innovatie
Samenwerken voor snellere en relevante innovatie, kosteneffectieve, kwalitatieve en duurzame producten creëren, en innovatie stimuleren met een uniform, toekomstbestendig productplatform.
Duurzaamheidsprestaties
Duurzaamheid integreren in elk product, investeren in onze mensen en hoge ethische normen handhaven met volledige transparantie door de hele waardeketen, als een langetermijnbasis voor vertrouwen en verantwoorde groei.
Prestatiegedreven organisatie
Processen vereenvoudigen, een waarde- en resultaatgerichte cultuur bevorderen, en een divers en inclusief personeelsbestand omarmen.
Klantgerichtheid
Sterke relaties opbouwen, uitstekende service garanderen en portfolio's vereenvoudigen voor zakelijk succes.
Kostenefficiënte bedrijfsvoering
Operationele fundamenten versterken die een balans bieden tussen veerkracht, kwaliteit en kosten, en tegelijk activa harmoniseren en optimaliseren, netwerken optimaliseren, en streven naar uitmuntendheid in productie en industrie.
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Dit is Ontex Onze categorieën
Onze innovaties zijn voor iedereen en bieden mensen van alle generaties comfort, vertrouwen en waardigheid.
Door samen te werken met retailers, zorginstellingen, leveranciers en andere stakeholders, maken we kwalitatieve verzorgingsproducten voor iedereen toegankelijk.
Verzorgingsproducten voor baby's 40% Bij verzorgingsproducten voor baby's
houden trends in de gaten en onderzoeken nieuwe materialen om onze productontwerpen te verbeteren. Deze aanpak helpt ons om luiers en broekjes te maken die baby's en peuters gelukkig en comfortabel houden en ouders gerust te stellen.
draait alles om het bieden van de beste waarde, ongeacht de noden van gezinnen. We luisteren naar ouders,
Verzorgingsproducten voor volwassenen
46% We weten dat discretie, bescherming en waardigheid belangrijk zijn als het gaat om incontinentieoplossingen. Daarom zijn onze producten – verbanden, luiers en broekjes – ontworpen om aan deze behoeften te voldoen, met opties voor elk zorgniveau. We bieden oplossingen voor consumenten en partners in de gezondheidszorg, zodat zorgverleners de best mogelijke zorg kunnen bieden.
Verzorgingsproducten voor vrouwen
13%
Onze verzorgingsproducten voor vrouwen – maandverbanden, inlegkruisjes en tampons – zijn ontworpen met het oog op bescherming, comfort en innovatie. We bieden ondersteuning door oplossingen te bieden die passen bij verschillende behoeften, voorkeuren en levensstijlen, om zich elke dag zelfverzekerd kunnen voelen.
Lees meer over onze innovaties op pagina 14 >> Lees meer over onze markten op pagina 12
gen
Verkoop & marketing
R&D centra
Productiefacili teiten
Dit is Ontex Onze vestigingen*

11Productiefaciliteiten
Ons agile productienetwerk helpt ons betrouwbare kwaliteit te leveren aan klanten in heel Europa en Noord-Amerika.
10Landen met Sales & marketinglocaties
Onze regionale sales- en marketingkantoren houden ons dicht bij de klant en combineren lokale kennis met sectorexpertise.
5 R&D-centra
Onze R&D-centra stimuleren snelle en slimme innovatie, in nauwe samenwerking met onze engineering- en operationele teams, waardoor consumenten, klanten éen partners centraal staan in waardecreatie.
*Per 31 december 2025
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
Dit is Ontex Onze mensen en cultuur
Onze cultuur beschouwen we niet als iets vanzelfsprekends. Ze wordt ondersteund door waarden waar we als organisatie volledig achter staan, en die onze mensen inspireren in alles wat ze doen.
Door die waarden uit te dragen willen we een levendige en doelgerichte werkplek stimuleren waar iedereen zich gewaardeerd voelt en trots kan zijn op zijn of haar bijdrage – individueel en als team – terwijl we bijdragen aan het versterken van de fundamenten voor de toekomst van Ontex.
4.908 medewerkers*:



gen
Onze jaarlijks verkozen P.R.I.D.E. Champions belichamen de kernwaarden van Ontex. Deze individuele en team champions – allemaal genomineerd door hun collega's – staan symbool voor de spirit en toewijding die Ontex kenmerkt.
Onze P.R.I.D.E. Champions
Onze vijf waarden worden uitgedrukt in het acroniem P.R.I.D.E.
Passion (Passie): We brengen elke dag positieve energie naar ons werk, zetten ons in om Ontex en ons doel vooruit te helpen, en vieren onze verwezenlijkingen.
Reliability (Betrouwbaarheid): We nemen ownership en komen onze beloften na. Wij zijn verantwoordelijk voor de resultaten.
Integrity (Integriteit): We komen op voor wat juist is en we respecteren anderen. We spreken ons uit en doen het juiste, ook als dat moeilijk is. Vertrouwen staat centraal in alles wat we doen.
Drive (Streven naar resultaat):
We plannen en spelen om te winnen. We nemen risico's, richten ons op wat het belangrijkst is en handelen snel en pragmatisch.
Everyone (Iedereen): We winnen als één Team Ontex. We handelen met eenheid en inclusie, omarmen diversiteit en geven echt om elkaar.
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Hoe we waarde creëren
Ons doel, onze visie en onze strategie sturen alles wat we doen bij Ontex en helpen ons waarde te creëren voor onze stakeholders.
| Onskapitaal | input | Onze | Drivers voorwaardecreatie | Onzeoutput | Onzeimpact1 |
|---|---|---|---|---|---|
| Werknemers | 4.908werknemers | 22%vrouwen inleidinggevendefuncties | 2.6118%ongevallenturnover graadper miljoengewerkte uren | ||
| Markten &samenleving | 0,94mld €grondstoffenbetaald aanleveranciers | 0,28mld €diensten betaaldaan leveranciers | Competitieve enduurzame innovatie | 16mln €1,76mld €belast>ingeninkomstenbetaald | |
| Innovatie& IP | 5R&Dcentra | 19mln €operationele &kapitaaluitgaven | 71429actieve patentennieuween toepassingenpatentfamilies | ||
| Hulpbronnen& milieu | 100%hernieuwbareelektriciteit | 52%hernieuwbarematerialen | 9%39%Scope 3 BKGScope 1 & 2BKG emissieemissiereductiereductie | ||
| Operationelebedrijfsvoering | 11fabrieken | 81mln €CAPEX | BedrijfsBest-in-classuitbreidingbedrijfsvoering | 4,9%16,7mldverbetering vangeproduceerdeoperationelehygiëneartikelenbedrijfsvoering | |
| Financieelkapitaal | 577mln €nettoschuld | 404mln €marktkapitalisatie | 176mln €(25)mln€aangepastevrije kasstroomEBITDA |
Corporate governance, risico en beloning Strategisch rapport Accountantrapporten Informatie over dit rapport
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen


score betrokkenheid
57%
Opleidingsuren per werknemer:

Marktcontext
Bij Ontex evolueert de werknemerservaring nu AI onderdeel wordt van het dagelijkse werk. In 2025 introduceerden we twee AI-tools in onze HR-processen. Een AI-assistent helpt medewerkers en personeelsmanagers om duidelijke doelstellingen te formuleren en feedbackgesprekken voor te bereiden. Een AI-coach begeleidt hen naar passende leer- en ontwikkelingsopties, wat de drempel verlaagt om nieuwe vaardigheden te ontwikkelen. We verwachten dat deze tools de komende jaren meer integreren in onze prestatie- en leerprocessen.
Ontex ziet diversiteit, gelijkheid en inclusie nog steeds als essentieel voor een gezonde en goed presterende werkplek. Het bedrijf versterkte zijn engagement door de UN Women's Empowerment Principles en een vernieuwde wereldwijde strategie toe te passen om een eerlijke, inclusieve omgeving voor iedereen te creëren.
Belangrijke resultaten
We hebben belangrijke stappen gezet om onze mensen te ondersteunen, vaardigheden te versterken en de employee journey te verbeteren. Op productielocaties lanceerden we een digitaal leerplatform (zie 'Leren in de flow van het werk' p.11), waardoor operatoren direct toegang krijgen tot trainingsmateriaal, en helder zicht op de bijhorende competenties. Tablets aan de lijn maken leren in de flow van het werk mogelijk, terwijl lijnleiders vaardigheden in realtime kunnen volgen en eventuele lacunes kunnen signaleren. De overgang van papier naar digitaal leren leidde tot meer trainingsuren en maakte de ontwikkeling praktischer en beter traceerbaar. & welzijn "Bij Ontex is leren deel van het
We hebben een wereldwijd Employee Assistance Program gelanceerd, dat medewerkers en hun families gratis, vertrouwelijke 24/7 ondersteuning biedt op het gebied van gezondheid, werk, financiële, juridische en persoonlijke zaken. Het programma zal in 2026 volledig
worden uitgebreid. Aangezien 2025 een veeleisend jaar was, gekenmerkt door onzekerheid en transformatie, speelde deze ondersteuning een belangrijke rol bij het bevorderen van welzijn en psychologische veiligheid.
We hebben ook de ervaring van het traject van kandidaten en medewerkers verbeterd. We hebben onze belofte aan onze medewerkers — "Voor mensen die trots halen uit hun werk" — centraal gesteld in ons employer brand en versterkten de onboarding zodat nieuwe collega's zich vanaf dag één welkom en betrokken kunnen voelen.
In 2025 hebben we onze methodologie voor prestatiemanagement aangepast om medewerkers niet alleen te beoordelen op het behalen van jaarlijkse doelstellingen, maar ook op hun dagelijkse bijdrage. Dit maakt de evaluatie completer, duidelijker en eerlijker. Samen met andere initiatieven onderstreept dit onze langetermijnverbintenis met mensen, groei en zorg, en versterkt het de basis voor de toekomst.

Jonas Deroo Chief HR & Legal Officer
dagelijkse werk. Op de productielijn of via AI-gestuurde tools; we helpen onze medewerkers vaardigheden op te bouwen met vertrouwen. Als zij groeien, groeit ons bedrijf, en dat is wat onze PRIDE-waarden tastbaar maakt."
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen

Interactie met stakeholders
We blijven nauw verbonden met medewerkers via regelmatige wereldwijde en lokale contactmomenten, zoals onze Leadership Summit, Global Staff Updates en infosessies op de werkvloer. Ons vernieuwde intranet verbetert informatie-uitwisseling en interne communicatie. Werknemers Succesverhaal
We organiseren ook halfjaarlijkse engagement-enquêtes om feedback te verzamelen en gebruiken ons Speak Upplatform om ethische bezorgdheden te melden.
We betrekken sociale partners via transparante en constructieve dialoog in België, Frankrijk, Duitsland, Spanje, Italië, Tsjechië en Mexico. In 2025 versterkten we de formele samenwerking door de Europese Ondernemingsraadsovereenkomst te actualiseren, in lijn met onze veranderende structuur en behoeften.

Leren in de flow van het werk
In 2025 hebben we ons leerecosysteem op
gereedheid: elke kwalificatie en trainingsregistratie is nu traceerbaar. Deze transparantie over de

Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Markten & samenleving

1,76mld € omzet
16mln € betaalde belastingen
937mln € grondstoffen betaald aan leveranciers
282mln € betaalde diensten aan leveranciers
Omzet in mld €:

Marktcontext
In Europa blijft de vergrijzende bevolking de groei van de markt voor verzorgingsproducten voor volwassenen stimuleren, zowel algemeen als in private label, steeds vaker via retail- en zelfbetaalkanalen nu de publieke vergoedingen worden aangescherpt. De vraag naar verzorgingsproducten voor baby's daarentegen blijft onder druk staan, aangezien de geboortecijfers blijven dalen, versterkt door een uitdagende economie.
A-merken verdedigden de volumes in verzorgingsproducten voor baby's via intensieve promoties in Europa en Noord-Amerika, ondersteund door investeringen in e- en social media commerce. Retailers profiteerden daar kortstondig van, maar focussen steeds meer op het versterken van hun eigen merken om loyaliteit en langetermijnwaarde te herstellen; de intrinsieke waarde van sterke eigen merken voor retailers blijft bestaan, wat nieuwe mogelijkheden creëert voor samenwerking rond de groei van retailermerken. Voor verzorgingsproducten voor vrouwen blijft de vraag grotendeels stabiel.
Hoewel de aanhoudende economische druk van consumenten met een laag tot middeninkomen leidde tot de voortdurende groei van private labels in de meeste categorieën, werd het segment van private label babyluiers negatief beïnvloed door een kleinere klantenpool. We verwachten dat deze trend zal verbeteren, aangezien waarde voor consumenten in deze categorie van het grootste belang blijft.
Belangrijke resultaten: Europa
We hielden een positieve balans tussen contractwinsten en -verliezen, ook in verzorgingsproducten voor baby's. Tegen het einde van het jaar kregen nieuwe contracten vorm, ondanks een uitdagende markt. Deze vooruitgang weerspiegelt onze hernieuwde focus op klantgerichtheid, ondersteund door meer agile, multifunctionele teams, beter luisteren naar
klantbehoeften, snellere responsiviteit en een geïntegreerder klantenmodel.
In verzorgingsproducten voor volwassenen heeft de eerste golf van platformstandaardisatie in volwassenbroeken en lichte incontinentiebroeken in Europa de complexiteit, verspilling en kosten verlaagd, wat de basis legde voor schaalbare groei.
We hebben ook onze verpakkingstransformatie over verschillende categorieën doorgevoerd. Dit versterkte de naleving van regelgeving en duurzaamheid, optimaliseerde de totale servicekosten en verbeterde de impact op het schap en aankoopintentie door nieuwe technologieën en neurowetenschappelijke inzichten.

Laurent Nielly President Europa
"In 2025 kregen nieuwe contracten vorm, onder andere in baby care, wat momentum creëerde en onze versterkte concurrentiekracht bevestigde, gedreven door klantgerichtheid, snellere uitvoering en wendbare, cross-functionele teams."
Belangrijke resultaten: Noord-Amerika
We lanceerden ons eerste private label babybroekje in de VS, beginnend met een beperkte retailtest en snel drievoudig opschalend. Het voorstel sloeg sterk aan bij consumenten, ondersteund door online adoptie en met toenemende verkoop via e-commerce kanalen.
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen

Markten & samenleving De lat hoger leggen voor We introduceerden ook onze best presterende trainingsbroekjes in samenwerking met een belangrijke retailer, met gemiddelde beoordelingen boven de 4,5 sterren (zie succesverhaal op pagina 13).
We hebben het marktaandeel van verzorgingsproducten voor baby's in retailmerken uitgebreid door verschillende nieuwe retaillanceringen, naast een breder productportfolio en een uitgebreider assortiment maten. Deze toevoegingen zijn een reactie op veranderende consumentenbehoeften en verbeterde beschikbaarheid in belangrijke retail- en online kanalen.

Paul Wood President Noord-Amerika
"We breidden ons baby care assortiment in de VS uit door nauwe samenwerking met toonaangevende retailers. Door consumenteninzichten te combineren met een sterke uitvoering, hebben we beter presterende producten geleverd die aanslaan bij gezinnen via alle kanalen."
Interactie met stakeholders
We hebben onze customer intimicy versterkt via een goed ontwikkeld commercieel ecosysteem. Dit omvatte topoverleg en terugkerende klantbezoeken op locatie, waardoor uitgebreide gesprekken over verschillende aspecten van de markt mogelijk werden.
Succesverhaal
trainingsbroekjes in de VS
Ontex lanceerde met succes een nieuw, hoogwaardig trainingsbroekje voor de Amerikaanse markt, na een co-creatie van meer dan 10 maanden met een toonaangevende nationale retailer.
Vanaf het begin was de samenwerking gebaseerd op afstemming tussen experts van commerciële, R&D, supply chain en kwaliteitsteams van beide organisaties. Dit zorgde ervoor dat consumenteninzichten, prestatieverwachtingen en operationele eisen volledig werden geïntegreerd in het productontwerp.
Het resultaat is het best presterende trainingsbroekje van Ontex tot nu toe, met een verbeterde pasvorm, bescherming en comfort voor groeiende peuters. Beoordelingen en recensies overtroffen de verwachtingen, met een gemiddelde score boven de 4,5 sterren, wat een sterke acceptatie door de consument bevestigt.
Het project bouwde voort op de expertise van Ontex' Amerikaanse teams en het Global Center of Excellence for Baby Care, waarbij lokale marktkennis werd gecombineerd met wereldwijde innovatiecapaciteit. Dit succes laat zien hoe nauwe samenwerking met klanten, in combinatie met operationele paraatheid, innovatie versnelt en waarde op schaal creëert voor gezinnen, retailers en Ontex.

Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Strategisch rapport Accountantrapporten Informatie over dit rapport

R&D-centra
19mln €
operationele en kapitaaluitgaven

actieve patenten en toepassingen

nieuwe patentfamilies
Marktcontext
Voortdurende geopolitieke en economische onzekerheid beïnvloedt hoe mensen denken over gezondheid, waarde en welzijn. Consumenten zoeken inclusieve benaderingen van gezondheid en tonen meer openheid voor verzorgingsproducten voor volwassenen. Financiële voorzichtigheid stimuleert de vraag naar flexibiliteit, betaalbaarheid en duidelijke prijs-kwaliteitverhouding.
Duurzaamheidsverwachtingen evolueren mee met wereldwijde ontwikkelingen. Consumenten erkennen klimaatverandering steeds meer als urgent en verwachten duidelijke, verantwoorde actie, met behoud van eenvoud en transparantie. Tegelijk wordt gezondheid holistisch benaderd en zoeken stakeholders merken die fysiek en mentaal welzijn ondersteunen via geloofwaardige initiatieven.
Tegen die achtergrond moet de technologische gereedheid versnellen. Kenmerken, zoals verbeterde zachtheid, zijn niet langer onderscheidende factoren, maar essentieel. Tegelijkertijd leggen Amerikaanse en Europese regelgeving op het gebied van verpakking, transparantie van ingrediënten en duurzaamheid de basis voor innovatie en naleving. Sustainability Officer 5
Belangrijke resultaten
De opening van het R&D-centrum in Segovia, Spanje, was een belangrijke mijlpaal. Dit vijfde R&D-centrum, dat in 2025 volledig operationeel werd, versterkt onze aanwezigheid in Europa en verkort de time-to-market. De vestiging in Segovia heeft ook de productiecapaciteit uitgebreid met nieuwe, geautomatiseerde productielijnen, wat meer dan 100 extra banen oplevert. (Zie 'Segovia: innovatie integreren in de dagelijkse bedrijfsvoering' op p. 15.)
In verzorgingsproducten voor vrouwen lanceerden we een multi-liquid inlegkruisje, speciaal ontworpen voor menstruatie, licht urineverlies en dagelijkse vaginale
afscheiding. Zo spelen we in op de veranderende dagelijkse behoeften, ook rond perimenopauze en menopauze. Consumentenonderzoek bevestigde prestaties op niveau van het toonaangevende A-merk.
In verzorgingsproducten voor baby's introduceerden we voor- en achter-barrièreluiers met een uitsparing voor de navel in de VS, en breidden we het Dreamshield® 360-portfolio uit met Night Pants.
Duurzame innovatie vorderde met de introductie van bioSAP, koolstofarme bio-gebaseerde absorberende materialen en mechanisch post-consumer gerecyclede verpakkingen (mPCR). mPCR-leveranciersvalidatie maakt nu schaalbaarheid mogelijk, met impact op meer dan 100 miljoen eenheden per jaar en ondersteunt ons doel van 75% gerecycled materiaal in zakken.

Annick De Poorter Chief Innovation &
"In 2025 zetten we een belangrijke stap in het versterken van onze innovatie-intelligentie. Door te formaliseren hoe we inzichten verzamelen van leveranciers, markten en trends, vertalen we langetermijnsignalen naar concrete input voor onze innovatiepijplijn en leggen we sterke fundamenten voor de toekomst."
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen

Interactie met stakeholders
We werkten samen met toezichthouders en auditors via terugkerende contactmomenten die in onze ontwerp- en ontwikkelingsprocessen waren verwerkt. Regelmatige audits door certificeringsinstanties ondersteunen de naleving van kwaliteits- en milieucertificeringen, waaronder ISO 9001, ISO 13485 en ISO 14001.
We werken nauw samen met klanten via topoverleg, productdemonstraties en innovatieworkshops.
We werken samen met leveranciers via een strategisch samenwerkingsprogramma, als pilotproject gestart in 2024 en uitgerold in 2025, inclusief vergaderingen op directieniveau en innovatieworkshops.

Succesverhaal
Segovia: innovatie integreren in de dagelijkse bedrijfsvoering
productielocatie in Segovia, maakt het R&D-centrum
Het R&D-centrum brengt Ontex-teams, leveranciers,

Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Natuurlijke hulpbronnen & milieu

100% hernieuwbare elektriciteit
52% hernieuwbare materialen
39% Scope 1 & 2 BKG emissiereductie
9%
Scope 3 BKG emissiesreductie
Meer details over onze duurzaamheidsstrategie zijn te vinden in onze Duurzaamheidsverklaring of op https://www/ontex.com/sustainability.
Marktcontext
Het duurzaamheidslandschap evolueert in verschillende tempo's. Terwijl rapportageverplichtingen in de EU en de VS vereenvoudigen, eisen retailers steeds meer transparantie, onderbouwde engagementen en bewijs van vooruitgang. De druk om de Scope 1-, 2- en 3 emissies te verlagen neemt toe, terwijl betaalbare, koolstofarme materialen en technologieën nog niet wijd beschikbaar zijn. De eisen op het gebied van circulariteit nemen toe, maar de recycling-infrastructuur voor absorberende hygiëneproducten blijft beperkt, wat een kloof creëert tussen ambitie en haalbaarheid. Strengere regels rond milieuclaims verhogen bovendien de verificatievereisten in de hele waardeketen.
Geopolitieke instabiliteit blijft onzekerheid creëren in wereldwijde toeleveringsketens, wat tot voorzichtige inkoopplanning leidt. De grondstofprijzen stegen jaar op jaar, vooral voor fluffpulp, superabsorberende polymeren en verpakkingsmaterialen. Deze ontwikkelingen hangen nauw samen met ons operationeel beheer (zie pagina 18).
Belangrijke resultaten
Gedreven door de duurzaamheidsstrategie van Ontex, gebouwd op drie duidelijke pijlers — 'Better for planet', 'Better for people' en 'Better for business' — hebben we in 2025 ons beheer van hulpbronnen, leveranciers en duurzaamheid over de volledige waardeketen verder aangescherpt.
We implementeerden Coupa, een nieuw inkoopplatform dat onze samenwerking met leveranciers transformeert. Het platform stroomlijnt onboarding, handhaaft compliancecontroles en vergroot de zichtbaarheid van leveranciersprestaties en risico's. Gestandaardiseerde workflows en geautomatiseerde controles versterken de governance, terwijl samenwerking efficiënter en transparanter wordt. Zo bouwen we aan een veerkrachtiger en verantwoordelijker inkoopecosysteem.
We versterkten onze duurzaamheidsagenda door de regionale en lokale inkoop van grondstoffen en verpakkingen te vergroten. Dit vermindert de afhankelijkheid van wereldwijde toeleveringsketens, ondersteunt lokale gemeenschappen en verlaagt de emissies door transport. Deze aanpak verbetert de wendbaarheid van de toeleveringsketen en sluit aan bij onze langetermijndoelstellingen voor duurzaamheid.
Onze inspanningen werden extern erkend: in 2025 ontving Ontex een 'A'-score van CDP, wat leiderschap in klimaattransparantie bevestigt, en een Gold-rating van EcoVadis. (Zie pagina 17.)
In 2025 overtroffen we ook ons doel van 30% gerecyclede of hernieuwbare inhoud in verpakkingen, en bereikten 39%. Tot slot groeide de medewerkersbetrokkenheid via onze Sustainability Spring-campagne, met 875 deelnemers en brede lokale initiatieven.

Annick De Poorter Chief Innovation & Sustainability Officer
"Voor retailers is duurzaamheid geen afvinkoefening meer. Het zit verweven in hun werkwijze, van koolstoftransparantie tot sociale audits en verpakkingskeuzes. Deze verschuiving hervormt samenwerking in de hele waardeketen, en we omarmen dit actief."
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Strategisch rapport Accountantrapporten Informatie over dit rapport


Interactie met stakeholders
We betrekken klanten via regelmatige bezoeken en gesprekken, gezamenlijke bedrijfsplanning, enquêtes en onderzoek om duurzaamheidsverwachtingen en prioriteiten af te stemmen. We gaan in contact met consumenten over de milieueffecten van onze producten, verpakkingen en productveiligheid, en ondersteunen zo weloverwogen keuzes en transparantie.
We betrekken medewerkers via competentieontwikkeling en activatie-initiatieven, waaronder Sustainability Week. Wij reageren op beleggers via ESGindices en informatieverzoeken.
We werken samen met leveranciers aan mensenrechten in de waardeketen en aan initiatieven om de CO2-uitstoot te verminderen.
We werken samen met gemeenschappen en nietgouvernementele organisaties via donaties, liefdadigheidsactiviteiten en samenwerkingen over gedeelde onderwerpen zoals mensenrechten.

Vertrouwen opbouwen door transparante duurzaamheidsprestaties

Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen

11 fabrieken 16,7mld verkochte hygiëneartikelen
4,9%
81mln € kapitaaluitgaven
winsten in operationele efficiëntie
69mln €
netto kostenbesparing

ongevallen per miljoen gewerkte uren
Ongevallen per miljoen gewerkte uren

Marktcontext
Bedrijfsvoering wordt steeds meer bepaald door volatiliteit en de nood aan snelheid en veerkracht. Schommelingen in grondstoffen, energiekosten en tarieven blijven de wereldwijde toeleveringsketens uitdagen. Om continuïteit te waarborgen, versterkt Ontex zijn agile inkoopstrategieën en bouwt het nauwere partnerschappen met leveranciers op.
Operationele efficiëntie blijft essentieel. Ontex versnelt productiviteitsverbeteringen via continue verbeteringsinitiatieven, lean-methodologieën en gerichte automatisering. Procesvereenvoudiging en verminderen van complexiteit staan centraal, ondersteund door kostentransformatieprogramma's die structurele besparingen opleveren en operationele excellentie versterken.
Toekomstige paraatheid vereist slimmere, meer geconnecteerde operaties. Investeringen in digitale planning, voorspellend onderhoud en logistieke optimalisatie verhogen de wendbaarheid, verkorten de doorlooptijden, beperken werkkapitaal en versterken het vermogen om snel in te spelen op een veranderende marktdynamiek.
Belangrijke resultaten
Ontex handhaafde het hele jaar een sterke veiligheidsprestatie, ondersteund door het Proud to be Safe-programma en geavanceerde digitale monitoring. Deze initiatieven versterkten een cultuur van preventie en voortdurende verbetering, beschermden onze mensen en versterkten de operationele veerkracht.
We rondden belangrijke footprint- en platformoptimalisaties af, waaronder de sluiting van de Eeklo-locatie en de transformatie van Buggenhout tot een Center of Excellence. Geselecteerde activa werden verplaatst van België naar Tsjechië, Spanje en Noord-Amerika, en nieuwe, ultramoderne apparatuur werd
geïnstalleerd. Dit verbeterde de capaciteit, flexibiliteit en kostenefficiëntie in ons productienetwerk.
We versnelden de digitale transformatie van onze supply chain met de uitrol van geavanceerde planning en voorspellend onderhoud, naast voorbereidingen op kernsysteemupgrades, zoals SAP S/4HANA, Advanced Planning Systems en een nieuw Manufacturing Execution System. Deze initiatieven verbeteren de zichtbaarheid, prognosenauwkeurigheid en uptime, en leggen de basis voor een volledig geïntegreerde digitale supply chain.
Kostentransformatie-initiatieven leverden 69 miljoen € besparingen op en compenseerden deels de stijgende grondstofkosten en operationele kosten.

Marco Querzoli Hoofd Supply Chain Officer
"We zijn trots op de vooruitgang die we hebben geboekt en vertrouwen op wat er nog komt. Door sterke fundamenten te leggen en gedisciplineerd uit te voeren, versterken we onze concurrentiekracht en veerkracht, waardoor we klanten beter kunnen bedienen en de prestaties kunnen behouden."
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen

Interactie met stakeholders
We zetten verder in op diepere, strategische samenwerkingen met belangrijke leveranciers om te profiteren van schaal en expertise. We werken ook samen met leveranciers om innovatie en vooruitgang te versnellen op het gebied van Scope 3 koolstofemissiereductiedoelstellingen.
We zijn actief betrokken bij brancheverenigingen via bestuurslidmaatschappen in EDANA, INDA, BAHP en Group'Hygiène in Frankrijk.

Succesverhaal
Proud to be Safe

Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen
Financiën


(25)mln € vrije kasstroom
404mln €
3,3X hefboomratio
Aangepaste EBITDA-marge

Belangrijke resultaten
In een uitdagend jaar slaagden we erin een aangepaste EBITDA-marge van 10% te behouden, zijnde een daling van twee procentpunten, wat leidde tot een aangepaste EBITDA van 176 miljoen €. Deze margekrimp werd vooral veroorzaakt door lagere costabsorptie, ten gevolge van lagere volumes. De sterke uitvoering van het kostentransformatieplan compenseerde de kosteninflatie van grondstoffen en andere operationele kosten, maar was niet voldoende om de extra kosten te compenseren die werden gemaakt om de beperkingen in de toeleveringsketen in de eerste helft van het jaar te verminderen.
De winst uit voortgezette activiteiten bedroeg 17 miljoen €, iets minder dan 21 miljoen € in 2024, wat de lagere aangepaste EBITDA weerspiegelt, deels gecompenseerd door lagere herstructureringskosten, aangezien de meeste hiervan al in 2024 waren geprovisioneerd. De winst voor de periode was echter negatief op -174 miljoen €, volledig vanwege de niet-contante negatieve bijdrage van de stopgezette activiteiten van -190 miljoen €. Het omvat voornamelijk het niet-contante effect van de recyclage van cumulatieve omrekeningsverschillen na de desinvesteringen van de Braziliaanse en Turkse bedrijfsactiviteiten dit jaar.
De vrije kasstroom bedroeg -25 miljoen €, vergeleken met 48 miljoen € in 2024, wat de lagere EBITDA en een hogere financieringscash-out weerspiegelt. Ondertussen ging de investering in de transformatie van Ontex door via de tijdelijke hogere kapitaal- en herstructureringsuitgaven. marktkapitalisatie "Het jaar was uitdagend,
De netto financiële schuld daalde echter tot 577 miljoen €, 6% lager dan eind 2024, dankzij de desinvesteringen. Deze compenseren ruimschoots de negatieve vrije kasstroom en de kosten van het aandeleninkoopplan dat we in de eerste helft van het jaar hebben uitgevoerd om de optieplannen te dekken.
Vooruitblik 2026
De marktomstandigheden worden verwacht uitdagend te blijven, met een aangehouden zwakke vraag naar verzorgingsproducten voor baby's die deels gecompenseerd worden door demografisch-gedreven groei in volwassenzorg. Desondanks mikt Ontex op een geleidelijke prestatieverbetering gedurende het jaar, gedreven door de verdere opbouw van recent gewonnen contracten en de verderzetting van het kostentransformatieprogramma.
De aangepaste EBITDA zal hiermee naar verwachting met circa 10% stijgen, gebaseerd op grotendeels stabiele omzet- en netto-efficiëntieverbeteringen. De vrije kasstroom wordt daardoor opnieuw positief verwacht, ook dankzij agere transformatie-gerelateerde investeringen en herstructurering-cash-out. Samen moet dit de hefboomratio tegen het einde van het jaar terugbrengen tot 3x of lager.

Geert Peeters Hoofd Financiën
wat zichtbaar is in de resultaten. De succesvolle herfinanciering en afgeronde desinvesteringen versterkten echter onze financiële basis, zodat we ons volledig kunnen richten op waardecreatie in onze kernactiviteiten."
Financiële overzichten Duurzaamheidsverklarin
gen


Interactie met stakeholders
We onderhouden regelmatig contact met banken en ratingbureaus via voortdurende gesprekken en managementpresentaties, waarmee we transparantie en vertrouwen rondom onze financiële strategie en prestaties ondersteunen.
We betrekken financiële analisten, obligatieen aandelenbeleggers via driemaandelijkse analistengesprekken, waarbij we updates geven over resultaten, vooruitzichten en strategische prioriteiten, en door deel te nemen aan roadshows en investeerdersconferenties in belangrijke financiële centra, waarmee we de betrokkenheid van de financiële gemeenschap versterken.
We voldoen aan alle formele governance-processen en betrekken aandeelhouders via de Algemene Vergadering en zorgen voor open dialoog via de Investor Relations-functie.

Succesverhaal
Gedisciplineerde herfinanciering versterkt de balans
financiële basis. In maart werd een obligatie van 400 miljoen € met vervaldag in 2030 uitgegeven, obligatie van 580 miljoen €, vervallend in 2026, werd
De hogere nominale rente (5,25%) ten opzichte van

21 > Ontex jaarverslag 2025
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Voor het boekjaar eindigend op 31 december 2025
De Vennootschap wenst hoge standaarden inzake deugdelijk bestuur toe te passen. Het past de Belgische Corporate Governance Code voor beursgenoteerde vennootschappen (de "2020 Corporate Governance Code") toe, die terug te vinden is op de website van de Belgische Commissie Corporate Governance (https://corporategovernancecommittee.be/nl). Verder heeft de Vennootschap een Corporate Governance Charter aangenomen waarin de belangrijkste aspecten van het deugdelijk bestuur van de Vennootschap worden beschreven, inclusief de bestuursstructuur en de taakomschrijving van de raad van bestuur (de "Raad"), van de comités van de Raad en van het Uitvoerend Comité. Het Charter is beschikbaar op de website van de Vennootschap (https://ontex.com/investor-relations/corporate-governance).
Inhoud
| GOV-1 | Algemene informatie24 | |
|---|---|---|
| GOV-1.1 | Hoogtepunten van 2025 op het gebied van deugdelijk bestuur24 | |
| GOV-1.2 | Ambitie voor de toekomst24 | |
| GOV-2 | De Raad en het Uitvoerend Comité25 | |
| GOV-2.1 | Samenstelling van de Raad25 | |
| GOV-2.2 | Evolutie van de Raad in 202528 | |
| GOV-2.3 | Verantwoordelijkheden en betrokkenheid van de Raad29 | |
| GOV-2.4 | Raad: nazicht en beoordeling30 | |
| GOV-2.5 | []31Comités van de Raad | |
| GOV-2.6 | Uitvoerend Comité33 | |
| GOV-2.7 | Diversiteit van de Raad en het Uitvoerend Comité36 | |
| GOV-3 | Kapitaal, aandeelhouders en betrokkenheid van investeerders37 | |
| GOV-3.1 | Kapitaal en kapitaalwijzigingen37 | |
| GOV-3.2 | Evolutie van de aandeelhouders38 | |
| GOV-3.3 | Aandeelhoudersstructuur39 | |
| GOV-3.4 | Betrokkenheid van investeerders en evolutie van het aandeel40 |
| GOV-3.5 | Dealing and Disclosure Code | 41 |
|---|---|---|
| GOV-4 | Relevante informatie in het geval van een overnamebod | 42 |
| GOV-4.1 | Kapitaalstructuur | 42 |
| GOV-4.2 | Beperkingen op de overdracht van effecten | 43 |
| GOV-4.3 | Houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten | 43 |
| GOV-4.4 | Aandelenplannen voor werknemers waarvan de zeggenschapsrechten nietrechtstreeks door de werknemers worden uitgevoerd | 44 |
| GOV-4.5 | Beperkingen op stemrechten | 44 |
| GOV-4.6 | Regels over de benoeming en vervanging van de leden van de Raad | 45 |
| GOV-4.7 | Regels over wijzigingen aan de statuten | 45 |
| GOV-4.8 | Toegestaan kapitaal | 46 |
| GOV-4.9 | Verkrijging van eigen aandelen | 46 |
| GOV-4.10 | Materiële overeenkomsten waarbij de Vennootschap partij is die een clausule vancontrolewijziging bevatten | 47 |
| GOV-4.11 | Beëindigingsvergoeding bij een beëindiging van een contract van de leden van deRaad, het Uitvoerend Comité of werknemers als gevolg van een openbaarovernamebod | 48 |
Commissaris Informatie over dit rapport
| GOV-5 | Belangenconflicten49 | |
|---|---|---|
| GOV-6 | Naleving van de Corporate Governance Code 202050 | |
| GOV-7 | Gebeurtenissen na het einde van de verslagperiode51 | |
| GOV-8 | Kader voor risicobeheer en interne controlenetwerk52 | |
| GOV-8.1 | Inleiding52 | |
| GOV-8.2 | Controleomgeving52 | |
| GOV-8.3 | Risicobeheer53 | |
| GOV-8.4 | Controleactiviteiten54 | |
| GOV-8.5 | Informatie en communicatie54 | |
| GOV-8.6 | Monitoring van controlemechanismen55 | |
| GOV-8.7 | Risicobeheer en interne controle met betrekking tot het proces van financiëleverslaggeving55 | |
| GOV-8.8 | Risicobeheer en interne controle met betrekking tot duurzaamheid56 | |
| GOV-8.9 | Ontex' voornaamste risico's57 | |
| GOV-9 | Remuneratieverslag65 | |
| GOV-9.1 | Inleiding65 | |
| GOV-9.2 | 2025 Bezoldiging van de Bestuurders66 | |
| GOV-9.3 | 2025 Beloning van de leden van het Uitvoerend Comité68 | |
| GOV-9.4 | Ontwikkeling in beloning en evolutie van prestaties over afgelopen 5 jaar76 | |
| GOV-9.5 | 2026 beloningsvooruitzicht77 | |
GOV-1 Algemene informatie
GOV-1.1 Hoogtepunten van 2025 op het gebied van deugdelijk bestuur
De Vennootschap blijft zich ten volle inzetten voor het naleven van best-in-class principes inzake deugdelijk bestuur, die naar haar mening een belangrijke katalysator vormen voor de realisatie van de strategische plannen van de Vennootschap. De Vennootschap legt onder meer de nadruk op de volgende vijf thema's omtrent deugdelijk bestuur: leiderschap; bestuur; remuneratie; duurzaamheid; en betrokkenheid van de investeerders. Binnen deze thema's zijn verschillende belangrijke punten samengevat in deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur (en in het Remuneratieverslag dat er deel van uitmaakt).
ESG blijft een fundamenteel element van de bedrijfsstrategie. In januari 2026 ontving Ontex voor het tweede opeenvolgende jaar een "A"-rating van het CDP, een wereldwijd erkende nonprofit milieuorganisatie, voor zijn leiderschap op vlak van bedrijfstransparantie en zijn prestaties op vlak van klimaatverandering, en ontving het een gouden medaille van Ecovadis voor zijn inspanningen op het gebied van duurzaamheid. Deze aanhoudende prestaties onderstrepen de kracht van Ontex' engagement op het vlak van duurzaamheid. Daarnaast blijft Ontex zich sterk inzetten voor zijn duurzaamheidsstrategie 2030, die ambitieuze, gekwantificeerde doelstellingen en een duidelijk stappenplan omvat, die u kunt terugvinden in de duurzaamheidsverklaringen van dit verslag.
Tot slot blijft Ontex investeren in de betrokkenheid van en met haar aandeelhouders. De Vennootschap onderhield doorheen het jaar een dynamische dialoog met investeerders, financiële analisten en andere belanghebbenden.
GOV-1.2 Ambitie voor de toekomst
De Raad herbevestigt de sterke ambitie van de Vennootschap om een voorbeeld te zijn in de materie van deugdelijk bestuur, aangezien zij dit als een belangrijke toegevoegde waarde ziet voor de Vennootschap. De Raad blijft vastbesloten om haar inspanningen tot optimalisatie, die ze in 2020 is gestart, op verschillende niveaus verder te zetten. Na eerdere inspanningen in 2020 en 2021, concentreerde de Raad zich in 2022 onder meer op de samenstelling en de omvang van de Raad, de planning van de opvolging binnen de Raad en het Uitvoerend Comité, en de evaluatie en ontwikkeling van de Chief Executive Officer (CEO) en het Uitvoerend Comité. Dit leidde onder meer tot een reductie van de omvang van de Raad van twaalf naar negen leden. In 2023 focuste de Raad onder meer op de planning van de opvolging van het Uitvoerend Comité. De Raad besloot ook om opnieuw een diepgaand beoordelingsproces van de Raad op te starten met de hulp van een adviesbureau. De resultaten van dat beoordelingsproces, die in de eerste helft van 2024 aan de Raad werden gepresenteerd, lieten een duidelijke verbetering zien in het functioneren en de effectiviteit van de Raad in vergelijking met de eerdere beoordeling in 2020. Tegelijkertijd is er op verschillende gebieden nog ruimte voor verbetering, waarvoor de Raad een actieplan heeft ontwikkeld en aan het implementeren is.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-2 De Raad en het Uitvoerend Comité
GOV-2.1 Samenstelling van de Raad
Op 1 januari 2026 was de Raad als volgt samengesteld (duurzaamheidsinformatie verstrekt overeenkomstig ESRS 2, GOV-1, § 21(a)):
| Naam | Mandaat | Start | Einde | Andere mandaten per 31 december 2025 |
|---|---|---|---|---|
| ViaBylity BV,vast vertegenwoordigd door Hans Van Bylen | Voorzitter,Onafhankelijk bestuurder | 2020 | 2028 | Etex, Lanxess, AkzoNobel |
| Ebrahim Attarzadeh | Niet-uitvoerend bestuurder | 2022 | 2026 | Callirius AG |
| Inge Boets BV,vast vertegenwoordigd door Inge Boets | Onafhankelijk bestuurder | 2014 | 2026 | Econoholding NV, Econopolis Wealth Management NV, ECS Logistics Group, Etex,Care Property Invest, Ecorys |
| Michael Bredael | Niet-uitvoerend bestuurder | 2017 | 2029 | Upfield Group BV, Umicore |
| Lorenzo Grabau1 | Niet-uitvoerend bestuurder | 2026 | 2029 | |
| Rodney Olsen | Niet-uitvoerend bestuurder | 2021 | 2029 | |
| ACACIA I BV,vast vertegenwoordigd door Els Verbraecken | Onafhankelijk bestuurder | 2025 | 2029 | Vyncke, Exmar, Jensen-Group, Credendo-GSR, Koninklijke De Vries Scheepsbouw,Subsea Micropiles |
| Julie Hamilton | Onafhankelijk bestuurder | 2025 | 2029 | Imperial Brands, The WaterDrop Company |
De heer Jonas Deroo, Chief HR & Legal Officer, is Secretaris van de Raad. Verdere details over de evolutie van de samenstelling van de Raad worden uiteengezet in deel GOV-2.2.
De biografische informatie, vaardigheden en ervaring van elk lid van de Raad, zoals ze momenteel is samengesteld, zijn hieronder samengevat. Dit overzicht bevat informatie over andere bestuurdersmandaten die door deze leden worden uitgeoefend. De Vennootschap is van mening dat haar bestuurders over de juiste competenties beschikken om het Management te begeleiden en te ondersteunen bij het positioneren van de Vennootschap op het pad naar versnelde waardecreatie.
[1] HVV GmbH, vast vertegenwoordigd door de heer Jesper Hojer, nam ontslag als lid van de Raad met ingang vanaf 1 januari 2026. De Raad heeft besloten om de heer Lorenzo Grabau per 1 januari 2026 en voor de resterende termijn van het mandaat van HVV GmbH als lid van de Raad te benoemen. Overeenkomstig de bepalingen van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen zal de Raad deze benoeming ter bevestiging voorleggen aan de eerstvolgende aandeelhoudersvergadering van de Vennootschap, die zal worden gehouden op 5 mei 2026.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Inge Boets
Onafhankelijk bestuurder

Hans Van Bylen
Voorzitter van de Raad, Onafhankelijk bestuurder
Op 3 mei 2024 werd ViaBylity BV, met de heer Hans Van Bylen als vaste vertegenwoordiger, herbenoemd als onafhankelijk bestuurder. De heer Van Bylen is Voorzitter van de Raad en van het Remuneratie- en Benoemingscomité. De heer Van Bylen, voorheen Chief Executive Officer van Henkel, brengt Ontex zijn diepgaande kennis van de industriële en consumptiegoederen-sector en brede ervaring in de FMCG-industrie, de detailhandel, de productie- en toeleveringsketen, digitalisering, duurzaamheid en leiderschapsontwikkeling. De heer Van Bylen was eerder bestuurslid van GfK, Ecolab, het Consumer Goods Forum en de Alliance to End Plastic Waste, en was voorzitter van de German Chemical Industry Association (VCI). Bovendien was hij ook lid van de European Round Table of Industry (ERT). De heer Van Bylen is eveneens lid van de Raad van Etex, Lanxess en AkzoNobel.


Op 5 mei 2022 werd de heer Ebrahim Attarzadeh benoemd als niet-uitvoerend bestuurder op voorstel van ENA Investment Capital LLC. De heer Attarzadeh heeft meer dan 20 jaar ervaring in investment banking en vermogensbeheer. Hij was Chief Executive Officer van MainFirst Bank AG en Chief Executive Officer en Head of Equities bij Stifel Europe Bank AG tot eind 2021. Daarvoor bekleedde hij andere functies bij Deutsche Bank en Arthur Andersen. De heer Attarzadeh is medeoprichter en Voorzitter van Callirius AG, een duurzaam financieringsbedrijf en is momenteel Chief Executive Officer van Münchmeyer Petersen Capital Markets, een adviesbureau voor corporate banking.

Inge Boets BV, vast vertegenwoordigd door mevrouw Inge Boets, werd als onafhankelijk bestuurder benoemd met ingang van 30 juni 2014. Mevrouw Boets is voorzitster van het Audit- en Risicocomité. Zij was van 1996 tot 2011 een partner bij Ernst & Young, waar ze aan het hoofd stond van Global Risk en verschillende andere functies op het gebied van audit- en adviesdiensten bekleedde. Mevrouw Boets is momenteel onafhankelijk bestuurder en voorzitter van de raad van bestuur bij Econopolis Wealth Management NV en Care Property Invest NV, onafhankelijk bestuurder van Econoholding en onafhankelijk bestuurder en voorzitter van het Finance en Auditcomité van ECS Logistics Group NV, bestuurder bij Etex NV en lid van de raad van toezicht van Ecorys. Daarnaast is mevrouw Boets eigenaar en manager van La Scoperta BV.

Michael Bredael
Niet-Uitvoerend bestuurder
Op 24 mei 2017 werd de heer Michael Bredael benoemd als niet-uitvoerend bestuurder op voorstel van Groupe Bruxelles Lambert (GBL). De heer Bredael is Investment Partner bij Groupe Bruxelles Lambert sinds 2016. Hij begon zijn carrière bij Towers Watson als consultant in de Verenigde Staten in 2003, voor hij in 2007 naar de BNP Paribas Group trok. De heer Bredael bekleedde verschillende functies op het vlak van investment banking bij BNP Paribas en richtte zich vooral op grens overschrijdende M&A-transacties. Van 2014 tot 2016 leidde hij de M&A Execution Group van BNP Paribas London. De heer Bredael is bestuurder van Upfield Group BV als vertegenwoordiger van Groupe Bruxelles Lambert.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Lorenzo Grabau
Niet-uitvoerend bestuurder
Rodney

Julie Hamilton Onafhankelijk bestuurder

Met ingang vanaf 1 januari 2026 is de heer Lorenzo Grabau door de Raad gecoöpteerd als niet-uitvoerend bestuurder na de ontslagname van HVV GmbH, vast vertegenwoordigd door de heer Jesper Hojer, die op voordracht van Groupe Bruxelles Lambert (GBL) was benoemd als niet-uitvoerend bestuurder. De heer Grabau is een investeerder en voormalig investeringsbankier met uitgebreide ervaring in kapitaalmarkten en strategische transformatie. Hij heeft ruime ervaring als bestuurder, voorzitter en senior adviseur bij diverse beursgenoteerde vennootschappen. Hij was president en Chief Executive Officer van Kinnevik AB, een Zweedse beursgenoteerde investeringsmaatschappij, en daarvoor was hij partner bij Goldman Sachs. De heer Grabau is tevens lid van de raad van toezicht van Circle Economy.

Olsen Niet-uitvoerend bestuurder
Op 25 mei 2021 werd de heer Rodney Olsen benoemd als niet-uitvoerend bestuurder op voorstel van ENA Investment Capital LLC. De heer Olsen is een ervaren internationale financiële leidinggevende binnen de FMCG-sector. Hij is voormalig CFO van de APAC-divisie van Kimberly Clark en daarvoor bekleedde hij verschillende senior functies bij Kimberly Clark, waaronder CFO International, CFO Global Finance Operations en CFO van de EMEAregio, en was hij verantwoordelijk voor grote internationale M&A-transacties. Voordat hij Kimberly Clark vervoegde, was hij senior manager audit bij EY en senior manager SEC Reporting bij de LTV Corporation.

Els Verbraecken Onafhankelijk
bestuurder
Op 5 mei 2025 werd mevrouw Els Verbraecken benoemd als Onafhankelijk Bestuurder. Mevrouw Verbraecken is een ervaren manager met uitgebreide ervaring in de financiële sector. Ze was Chief Financial Officer van DEME Group van 2013 tot 2024. Mevrouw Verbraecken bekleedt momenteel bestuursfuncties bij Vyncke (sinds 2018), Exmar (sinds 2021), Jensen-Group (sinds 2023), Credendo-GSR (sinds 2024), Koninklijke De Vries Scheepsbouw (sinds 2025) en Subsea Micropiles (sinds 2025).
Competentiematrix
De volgende tabel toont de competenties die als belangrijk geïdentificeerd werden, gezien de huidige context en strategische uitdagingen van Ontex en hoe de Raad deze met haar huidige samenstelling afdekt. De tabel bevat duurzaamheidsinformatie die is verstrekt overeenkomstig ESRS 2, GOV-1, § 21(c).
| Hans | Inge | Michael | Julie | Rodney | Ebrahim | Els | Lorenzo | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Competenties | Van Bylen | Boets | Bredael | Hamilton | Olsen | Attarzadeh | Verbraecken | Grabau |
| Ervaring | ||||||||
| Huidige/vroegere Chief Executive Officer | ● | ● | ● | |||||
| Internationale ervaring | ● | ● | ● | ● | ● | ● | ● | ● |
| Ervaring in Europa | ● | ● | ● | ● | ● | ● | ● | |
| Ervaring in Noord-Amerika | ● | ● | ● | |||||
| Expertise | ||||||||
| Uitvoerende functie in FMCG/retail | ● | ● | ● | |||||
| Operationele uitvoerende functie(operaties, inkoop, commercieel) | ● | ● | ||||||
| Financieel/Audit | ● | ● | ● | ● | ● | ● | ||
| Kapitaalmarkten | ● | ● | ● | |||||
| Duurzaamheid | ● | ● | ● | |||||
| Diversiteit | ||||||||
| Mannelijk | ● | ● | ● | ● | ● | |||
| Vrouwelijk | ● | ● | ● | |||||
| Regionale origine | ||||||||
| België | ● | ● | ● | ● | ||||
| Internationaal | ● | ● | ● | ● | ||||
| Compliance | ||||||||
| Onafhankelijk bestuurder | ● | ● | ● | ● |
GOV-2.2 Evolutie van de Raad in 2025
Tijdens de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van de Vennootschap op 5 mei 2025 hebben de aandeelhouders besloten om de benoemingen van ACACIA I BV, met mevrouw Els Verbraecken als vaste vertegenwoordiger, en mevrouw Julie Hamilton, beiden als onafhankelijk bestuurder, goed te keuren.
Daarnaast nam HVV GmbH, met de heer Jesper Hojer als vaste vertegenwoordiger, zoals hierboven vermeld, met ingang vanaf 1 januari 2026 ontslag als lid van de Raad. De Raad besloot om de heer Lorenzo Grabau met ingang vanaf 1 januari 2026 en voor de resterende duur van het mandaat van HVV GmbH als lid van de Raad te coöpteren. Overeenkomstig de bepalingen van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen zal de Raad deze coöptatie ter bevestiging voorleggen aan de eerstvolgende aandeelhoudersvergadering van de Vennootschap, die zal doorgaan op 5 mei 2026.
GOV-2.3 Verantwoordelijkheden en betrokkenheid van de Raad
De individuele participatiegraad voor de vergaderingen van de Raad was in 2025 als volgt:
| Naam | Deelnames[2]vergaderingen | Participatiegraad |
|---|---|---|
| ViaBylity BV,vast vertegenwoordigd door Hans Van Bylen | 13/13 | 100% |
| Ebrahim Attarzadeh | 12/13 | 92.31% |
| Inge Boets BV,vast vertegenwoordigd door Inge Boets | 13/13 | 100% |
| Michael Bredael | 13/13 | 100% |
| Julie Hamilton | 8/83 | 100% |
| Isabel Hochgesand | 4/54 | 80% |
| HVV GmbH,vast vertegenwoordigd door Jesper Hojer | 11/13 | 84,62% |
| MJA Consulting BV,vast vertegenwoordigd door Manon Janssen | 4/55 | 80% |
| Rodney Olsen | 13/13 | 100% |
| ACACIA I BV, vast vertegenwoordigd door ElsVerbraecken | 8/86 | 100% |
[4] Het mandaat van mevrouw Isabel Hochgesand als lid van de Raad eindigde met ingang vanaf 5 mei 2025.
[5] Het mandaat van mevrouw Manon Janssen als lid van de Raad eindigde met ingang vanaf 5 mei 2025.
[6] Mevrouw Els Verbraecken werd als bestuurder benoemd met ingang vanaf 5 mei 2025.
[2] Het aanwezigheidspercentage is gebaseerd op het aantal vergaderingen gehouden tijdens het mandaat van de respectievelijke bestuurders.
[3] Mevrouw Julie Hamilton werd als bestuurder benoemd met ingang vanaf 5 mei 2025.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
In 2025 kwam de Raad 13 keer samen, met een participatiegraad van 93,69%. De agenda van de vergaderingen van de Raad omvatte onder andere:
- toezicht op de operationele en financiële prestaties van de Vennootschap;
- toezicht op en goedkeuren van de waardecreatieprojecten en lopende M&A-processen van de Vennootschap;
- toezicht en goedkeuring van de uitgifte van de niet-achtergestelde obligatie met een looptijd tot 2030, en aan het contante bod op, en de aflossing van de niet-achtergestelde obligatie met een looptijd tot 2026;
- beoordelen en goedkeuren van het jaarlijkse budget van de Vennootschap en beoordeling van haar strategie op de middellange- en lange termijn en business plan;
- toezicht op het aandeleninkoopprogramma van de Vennootschap;
- identificatie en aanstelling van een opvolger voor de heer Gustavo Calvo Paz, die tot januari 2026 Chief Executive Officer van de Vennootschap was;
- toezicht op, en (waar toepasselijk) goedkeuren van de aangelegenheden die binnen de bevoegdheden van het Remuneratie- en Benoemingscomité vallen (inclusief aangelegenheden op het gebied van het beheer van het menselijk kapitaal (mensen, organisatie, beloning, gezondheid en veiligheid, diversiteit, gelijkheid en inclusiviteit)); en
- toezicht op, en (waar toepasselijk) goedkeuren van de zaken die binnen de bevoegdheden van het Audit- en Risicocomité vallen (inclusief interne controles en interne audit, belastingen, compliance en rechtszaken, informatiebeveiliging en ESG-naleving en rapportering).
GOV-2.4 Raad: nazicht en beoordeling
De Raad organiseert regelmatig beoordelingsprocessen gericht op bepaalde specifieke zaken. In de loop van 2022 heeft de Raad zich onder meer gericht op de samenstelling en omvang van de Raad, de opvolgingsplannen van de Raad en het Uitvoerend Comité en de beoordeling en ontwikkeling van de Chief Executive Officer en het Uitvoerend Comité. Dit heeft onder meer geleid tot het reduceren van de omvang van de Raad van twaalf naar negen leden. In 2023 heeft de Raad zich onder meer geconcentreerd op de opvolgingsplannen van het Uitvoerend Comité. De Raad besloot ook om een diepgaand beoordelingsproces van de Raad uit te voeren. De resultaten van dat beoordelingsproces, die in de eerste helft van 2024 aan de Raad werden gepresenteerd, lieten een duidelijke verbetering zien in het functioneren en de effectiviteit van de Raad in vergelijking met de eerdere beoordeling in 2020. Tegelijkertijd is er op verschillende gebieden nog ruimte voor verbetering, waarvoor de Raad een actieplan heeft ontwikkeld en aan het implementeren is.
Commissaris Informatie over dit rapport
| Naam | Deelnamesvergaderingen | Participatiegraad |
|---|---|---|
| Inge Boets BV,vast vertegenwoordigd door Inge Boets | 7/7 | 100% |
| Michael Bredael | 7/7 | 100% |
| Rodney Olsen | 7/7 | 100% |
| ViaBylity BV,vast vertegenwoordigd door Hans Van Bylen | 7/7 | 100% |
| ACACIA I BV,vast vertegenwoordigd door Els Verbraecken | [9]3/3 | 100% |
De heer Jonas Deroo, Chief HR & Legal Officer, is Secretaris van het Audit- en Risicocomité.
Het Audit- en Risicocomité is belast met de taken die zijn beschreven in artikel 7:99, §4 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en haar rollen en verantwoordelijkheden zijn verder beschreven in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Het bepaalt de frequentie en agenda van de vergaderingen. In 2025 beoordeelde het Audit- en Risicocomité de externe en interne auditplannen, de halfjaarlijkse en jaarlijkse financiële verslaggeving en de externe beoordeling van de halfjaarlijkse en jaarlijkse financiële verslaggeving, de financiële verslaggeving op kwartaalbasis vervat in de trading updates van Q1 en Q3, de belangrijkste risico's (inclusief toepasselijke interne controles, risicobeheer en gerelateerde processen), en de ESG-agenda van de Vennootschap. Als onderdeel van haar taak om de doeltreffendheid van de interne controles en het risicobeheer en de risicobeheerprocessen te bewaken en te overzien, houdt het Audit- en Risicocomité onder meer ook toezicht op informatiebeveiligingsrisico's. Verder heeft het Audit- en Risicocomité toezicht gehouden op de uitgifte van de niet-achtergestelde obligatie van de Vennootschap met een looptijd tot 2030, en op het contante bod op, en de aflossing van, haar niet-achtergestelde obligatie met een looptijd tot 2026.
Met betrekking tot haar rollen en verantwoordelijkheden, zoals eerder beschreven in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap, heeft de Raad beslist om het Audit- en Risicocomité formeel te belasten met het toezicht op de Environmental, Sustainability and Governance ("ESG") initiatieven van de Vennootschap, waaronder:
GOV-2.5.1 Audit- en Risicocomité
In overeenstemming met artikel 7:99, §2 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de Corporate Governance Code 2020 zijn alle leden van het Audit- en Risicocomité niet-uitvoerende bestuurders. Hoewel de wettelijke vereiste is om ten minste één onafhankelijk lid te hebben, voorziet het Corporate Governance Charter van Vennootschap in de vereiste dat het Audit- en Risicocomité van Ontex een meerderheid van onafhankelijke bestuurders moet omvatten en dat het mandaat van Voorzitter van het Audit- en Risicocomité niet kan worden gecumuleerd met het mandaat van Voorzitter van de Raad. De Voorzitter en de leden van het Audit- en Risicocomité beschikken gezamenlijk over de vereiste vaardigheden en expertise op het gebied van boekhouding en audit.
Op 31 december 2025 was het Audit- en Risicocomité als volgt samengesteld:
| Naam | Positie |
|---|---|
| Inge Boets BV,vast vertegenwoordigd door Inge Boets | Onafhankelijk bestuurder,Voorzitster van het Audit-en Risicocomité |
| [8]Michael Bredael | Niet-uitvoerend bestuurder |
| Rodney Olsen | Niet-uitvoerend bestuurder |
| ViaBylity BV,vast vertegenwoordigd door Hans Van Bylen | Onafhankelijk bestuurder |
| ACACIA I BV,vast vertegenwoordigd door Els Verbraecken | Onafhankelijk bestuurder |
Het Audit- en Risicocomité kwam zeven keer samen in 2025. De participatiegraad was 100%, zoals verduidelijkt in onderstaande tabel.
[9] Mevrouw Els Verbraecken werd benoemd als lid van het Audit- en Risicocomité met ingang vanaf 5 mei 2025.
[7] In januari 2026 heeft de Raad ook een Strategisch Comité opgericht om de evaluatie te versnellen, de besluitvorming te vergemakkelijken en nauwlettend toezicht te houden op de uitvoering van de middellangeen lange termijnplannen van Ontex. Aangezien het Strategisch Comité pas in 2026 werd opgericht, wordt dit verder niet beschreven in dit rapport.
- beoordelen, nazicht en voorbereiden van de besluitvorming van de Raad over ESGgerelateerde handelingen en praktijken die nieuwe opportuniteiten voor de Vennootschap kunnen bieden;
- monitoren en overzien van het proces voor de ontwikkeling van ESG-informatie en manieren identificeren om ESG-gerelateerde informatie in de rapportagecyclus te integreren; en
- meten en monitoren van de prestaties van de Vennootschap op het gebied van ESGaangelegenheden en hun impact op de samenleving om rekening te houden met het multidimensionale karakter van maatschappelijk verantwoord ondernemen.
GOV-2.5.2 Remuneratie- en Benoemingscomité
Krachtens artikel 7:100, §2 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de Corporate Governance Code 2020 zijn alle leden van het Remuneratie- en Benoemingscomité niet-uitvoerende bestuurders en de meerderheid van haar leden is onafhankelijk overeenkomstig de criteria vervat in artikel 7:87, §1 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. De leden van het comité beschikken ook over de nodige expertise op het gebied van bezoldiging.
Op 31 december 2025 was het Remuneratie- en Benoemingscomité als volgt samengesteld:
Naam Positie ViaBylity BV, vast vertegenwoordigd door Hans Van Bylen Onafhankelijk bestuurder, Voorzitter van het Remuneratie- en Benoemingscomité Ebrahim Attarzadeh Niet-uitvoerend bestuurder Julie Hamilton Onafhankelijk bestuurder HVV GmbH, vast vertegenwoordigd door Jesper Hojer[10] Niet-uitvoerend bestuurder ACACIA I BV, vast vertegenwoordigd door Els Verbraecken Onafhankelijk bestuurder
Het Remuneratie- en Benoemingscomité kwam 11 keer samen in 2025. De participatiegraad was 90,86%:
| Naam | Deelnamesvergaderingen | Participatiegraad | |
|---|---|---|---|
| ViaBylity BV, | 11/11 | 100% | |
| vast vertegenwoordigd door Hans van Bylen | |||
| Isabel Hochgesand | [11]2/3 | 66,67% | |
| HVV GmbH, | |||
| vast vertegenwoordigd door Jesper Hojer | 9/11 | 81,82% | |
| MJA Consulting BV, | [12] | ||
| vast vertegenwoordigd door Manon Janssen | 3/3 | 100% | |
| Ebrahim Attarzadeh | 11/11 | 100% | |
| Julie Hamilton | [13]7/8 | 87,5% | |
| ACACIA I BV, | [14] | ||
| vast vertegenwoordigd door Els Verbraecken | 8/8 | 100% |
De heer Jonas Deroo, Chief HR & Legal Officer, is Secretaris van het Remuneratie- en Benoemingscomité.
[10] De heer Lorenzo Grabau heeft HVV GmbH, vast vertegenwoordigd door de heer Jesper Hojer, vervangen als lid van het Remuneratie- en Benoemingscomité met ingang van 1 januari 2026.
[11] Het mandaat van mevrouw Isabel Hochgesand als lid van het Remuneratie- en Benoemingscomité eindigde met ingang vanaf 5 mei 2025.
12] Het mandaat van mevrouw Manon Janssen als lid van het Remuneratie- en Benoemingscomité eindigde met ingang vanaf 5 mei 2025.
[13] Mevrouw Julie Hamilton werd benoemd als lid van het Remuneratie- en Benoemingscomité met ingang vanaf 5 mei 2025.
[14] Mevrouw Els Verbraecken werd benoemd als lid van het Remuneratie- en Benoemingscomité met ingang vanaf 5 mei 2025.
Het Remuneratie- en Benoemingscomité is belast met de taken vermeld in artikel 7:100, §5 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. De rollen en verantwoordelijkheden van het comité zijn verder uiteengezet in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap.
In de loop van 2025 omvatten de werkzaamheden van het Remuneratie- en Benoemingscomité de volgende onderwerpen:
- beoordelen van de prestaties en de verloning van de leden van het Uitvoerend Comité met betrekking tot het boekjaar 2024;
- bepalen van de doelstellingen voor 2025 voor de korte- en langetermijnbeloningsplannnen (in dit opzicht verwijzen we naar het Remuneratieverslag);
- nazicht van het Remuneratieverslag van de Vennootschap met betrekking tot boekjaar 2024;
- voorbereiding van de wijzigingen aan het remuneratiebeleid van de Vennootschap, die ter goedkeuring werden voorgelegd aan de jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders op 5 mei 2025;
- opvolgingsplanning en beoordeling en ontwikkeling van het leiderschap van het Uitvoerend Comité;
- identificatie en benoeming van een opvolger voor de heer Gustavo Calvo Paz, die tot januari 2026 Chief Executive Officer van de Vennootschap was;
- beoordeling van de Raad, haar leden, en de successieplanning; en
- beoordeling van diverse People & Organization-gerelateerde zaken met betrekking tot de Groep, met inbegrip van zaken die te maken hebben met cultuur, talentontwikkeling en successieplanning.
GOV-2.6 Uitvoerend Comité
De volgende tabel toont de samenstelling van het Uitvoerend Comité op 31 december 2025:
| Naam | Positie op 31 december 2025 |
|---|---|
| [15]Gustavo Calvo Paz | Chief Executive Officer(CEO) |
| Chilibri BV,vast vertegenwoordigd door Geert Peeters | Chief Financial Officer |
| Annick De Poorter | Chief Innovation & Sustainability Officer |
| Deroo Management & Consulting BV,vast vertegenwoordigd doorJonas Deroo | Chief HR & Legal Officer & Secretary General |
| Émage Europe BV,vast vertegenwoordigd door Laurent Nielly | President Europe Division |
| Marco Querzoli | Chief Supply Chain Officer |
| Paul Wood | President North America Division |
De tabel hieronder zet de biografische informatie, vaardigheden en ervaring van de huidige leden van het Uitvoerend Comité uiteen.
[15] Het mandaat van de heer Gustavo Calvo Paz als CEO van de Vennootschap eindigde op 13 januari 2026. Émage Europe SRL, vast vertegenwoordigd door de heer Laurent Nielly, werd met ingang van dezelfde datum benoemd tot opvolger van de heer Calvo Paz.
zich nam.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Annick
Chief
Officer
Innovation & Sustainability
Commissaris Informatie over dit rapport

De heer Laurent Nielly vervoegde de Ontex Groep in juli 2017 om de toen overgenomen activiteiten in Brazilië te leiden en werd in januari 2021 benoemd tot President van de Europe Retail Divisie. Zijn takenpakket werd in juli 2021 uitgebreid na de samenvoeging van de Retail en Healthcare divisies. De heer Nielly werd benoemd als Chief Executive Officer van de Vennootschap met ingang vanaf 13 januari 2026. De heer Nielly heeft meer dan 25 jaar ervaring, die hij opdeed in Europa, de VS en Latijns-Amerika en bij bedrijven als P&G, McKinsey & Company, PepsiCo en Coty. Hij begon zijn professionele carrière in finance en strategie en ontwikkelde expertise in innovatie en commerciële uitmuntendheid voordat hij P&L-verantwoordelijkheden op
Executive Officer
Laurent Nielly Chief

Geert Peeters Chief Financial Officer
De heer Geert Peeters heeft relevante ervaring op het vlak van bedrijfstransformatie in een retailomgeving en operationele en cashefficiëntie. De Raad benoemde de heer Peeters met ingang van 1 december 2023 tot Chief Financial Officer van Ontex. Voor hij Ontex vervoegde, was de heer Peeters Group CFO bij Greenyard. Hij bouwde een uitgebreide ervaring op via functies als financieel directeur bij bedrijven als Metallo Group (nu Aurubis) en managementadvieskantoren als PriceWaterhouseCoopers.

Mevrouw Annick De Poorter vervoegde Ontex in 2003 als R&D Manager voor dameshygiëneproducten en werd in januari 2009 gepromoveerd tot R&D en Quality Director. Vóór haar carrière bij de Groep was mevrouw De Poorter R&D Engineer Technical Products bij Libeltex NV in België. Daarvoor was ze wetenschappelijk onderzoeker aan de universiteit van Gent, België.

Jonas Deroo
Chief HR & Legal Officer
De heer Jonas Deroo vervoegde Ontex in april 2015 als General Counsel & Corporate Secretary. Voordat hij Ontex vervoegde, was de heer Deroo Associate General Counsel bij bpost. Hij begon zijn carrière als advocaat aan de Brusselse balie.
De Poorter
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport

Marco Querzoli Chief Supply Chain Officer

Paul Wood President North America Division
De heer Marco Querzoli trad in augustus 2023 in dienst bij Ontex. De heer Querzoli heeft uitgebreide ervaring op het gebied van Supply Chain en Procurement en heeft ervaring met het leiden van grote multinationale teams. Voor zijn aanstelling bij Ontex bekleedde de heer Querzoli verschillende leidinggevende functies bij Kimberly Clark en Scott Paper Company, waaronder negen jaar als Vice President Product Supply voor de EMEA-regio bij Kimberly Clark.
De heer Paul Wood trad op 1 april 2023 toe tot het Uitvoerend Comité van Ontex in de rol van President van de Noord Amerikaanse divisie. De heer Wood brengt een uitgebreide ervaring mee op het gebied van algemeen management en commercieel leiderschap, nadat hij voor verschillende fast moving consumer goods bedrijven heeft gewerkt, waaronder Frito Lay, Heinz, Samsung en als Chief Commercial Officer voor Church & Dwight.
Elk lid van het Uitvoerend Comité beschikt over relevante ervaring met betrekking tot de producten die Ontex produceert en verkoopt, en in de sectoren en geografische locaties waarin Ontex actief is, zowel gezien hun anciënniteit bij de Vennootschap als, voor verschillende leden, hun eerdere functies bij andere ondernemingen in dezelfde of aangrenzende sectoren (duurzaamheidsinformatie verstrekt overeenkomstig ESRS 2, GOV-1, § 21(c)).
Werking van het Uitvoerend Comité
De bevoegdheden van het Uitvoerend Comité omvatten het operationeel beheer en de organisatie van de Vennootschap. Het Uitvoerend Comité is verantwoordelijk voor het ontwikkelen en jaarlijks actualiseren van de algemene strategie en het businessplan van de Vennootschap tezamen met haar budget voor het volgende jaar, en dit vervolgens ter goedkeuring voor te leggen aan de Raad. Het Uitvoerend Comité houdt ook toezicht op de implementatie van de algemene strategie en het business plan van de Vennootschap en het ondersteunt de Chief Executive Officer bij het dagelijks bestuur van de Vennootschap en de uitoefening van zijn verantwoordelijkheden. Verder stelt het Uitvoerend Comité de financiële rekeningen van de Vennootschap op, presenteert het nauwkeurige en evenwichtige evaluaties van de financiële situatie van de Vennootschap aan de Raad en voorziet het de Raad van informatie die het nodig heeft om zijn taken naar behoren te vervullen. Het Uitvoerend Comité is ook verantwoordelijk voor het opzetten en onderhouden van beleid met betrekking tot het risicoprofiel van de Vennootschap en systemen voor het identificeren, beoordelen, beheren en bewaken van financiële en andere risico's binnen het kader dat is uiteengezet door de Raad en het Audit- en Risicocomité.
De omvang en samenstelling van het Uitvoerend Comité wordt bepaald door de Raad, handelend op voorstel van de Chief Executive Officer, die het Uitvoerend Comité voorzit. De leden van het Uitvoerend Comité worden benoemd door de Raad op voorstel van de CEO en op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité. Leden van het Uitvoerend Comité werden benoemd voor onbepaalde tijd (met uitzondering van Gustavo Calvo Paz en Marco Querzoli). Ze kunnen te alle tijde door de Raad worden ontslagen of hun lidmaatschap van het
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Uitvoerend Comité kan eindigen als hun managementovereenkomst met de Vennootschap eindigt.
De CEO leidt en zit het Uitvoerend Comité voor. De CEO is belast met het dagelijks bestuur van de Vennootschap. Daarnaast oefent hij de bijzondere en beperkte bevoegdheden uit die hem door de Raad of het Uitvoerend Comité zijn toegekend. De CEO is een vaste genodigde voor de vergaderingen van de Raad en brengt regelmatig verslag uit aan de Raad, ook over de acties die door het Uitvoerend Comité worden genomen.
Tijdens 2025 kwam het Uitvoerend Comité in het algemeen wekelijks samen en besprak het hierbij, onder andere, de volgende onderwerpen:
- strategische beoordeling en implementatie;
- financiële en operationele prestaties;
- het organisatiemodel van Ontex en personeelsgerelateerde zaken;
- de Duurzaamheidsstrategie 2030;
- interne controles en compliance; en
- verschillende operationele zaken.

GOV-2.7 Diversiteit van de Raad en het Uitvoerend Comité
Ontex stimuleert diversiteit en gelijke kansen. De Vennootschap heeft een diversiteitsbeleid ontwikkeld dat bepaalt dat diversiteit binnen de Raad en het Uitvoerend Comité vanuit een aantal perspectieven wordt beoordeeld, waaronder, maar niet beperkt tot, geslacht, leeftijd, culturele en educatieve achtergrond, professionele ervaring, vaardigheden en kennis.
Op 31 december 2025 bestond de Raad uit acht bestuurders, waarvan drie vrouwen: mevrouw Inge Boets (als vaste vertegenwoordiger van Inge Boets BV), mevrouw Els Verbraecken (als vaste vertegenwoordiger van ACACIA I BV) en mevrouw Julie Hamilton. De drie vrouwelijke leden van de Raad vertegenwoordigen samen 37,5% van de leden van de Raad. Het Remuneratie- en Benoemingscomité evalueert jaarlijks de samenstelling van de Raad en formuleert suggesties aan de Raad, waarbij onder andere rekening gehouden wordt met de gendersamenstelling en andere diversiteitselementen. De Vennootschap voldoet aan de vereiste dat ten minste een derde van de leden van de Raad van het andere geslacht moet zijn dan het geslacht van de meerderheid, zoals uiteengezet in artikel 7:86 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
Op 31 december 2025 telde het Uitvoerend Comité één vrouwelijk lid op een totaal van zeven, of 14%. De genderdiversiteit binnen de Raad en het Uitvoerend Comité kan als volgt worden gevisualiseerd (duurzaamheidsinformatie verstrekt overeenkomstig ESRS 2, GOV-1, § 21(d)):

Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-3 Kapitaal, aandeelhouders en betrokkenheid van investeerders
GOV-3.1 Kapitaal en kapitaalwijzigingen
Op 31 december 2025 bedroeg het kapitaal van de Vennootschap 823.587.466,38 €, vertegenwoordigd door 82.347.218 aandelen zonder nominale waarde. Elk aandeel vertegenwoordigt 1/82.347.218e van het kapitaal en geeft recht op één stem. De aandelen zijn genoteerd op Euronext Brussel. Op 31 december 2025 waren 16.354.865 aandelen van de Vennootschap aandelen op naam en de overige aandelen waren gedematerialiseerde aandelen.
Zoals verder uiteengezet in het Remuneratieverslag, werd het jaarlijkse lange-termijnbeloningsplan van de Vennootschap tussen 1 januari 2023 en 31 december 2025 tijdelijk opgeschort voor de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité (eveneens als voor bepaalde andere leden van het senior management van de Vennootschap). In de plaats daarvan ontvingen de CEO en andere leden van het Uitvoerend Comité (eveneens als bepaalde andere leden van het senior management van de Vennootschap) in 2023 een eenmalige toekenning van prestatieaandelen voor de boekjaren 2023, 2024 en 2025. Deze prestatieaandelen verlenen geen aandeelhoudersrechten voorafgaand aan hun vesting. Bij de vesting zal de Vennootschap aan de begunstigden bestaande aandelen van de Vennootschap, nieuw uitgegeven aandelen van de Vennootschap of een combinatie van beide aanleveren. Een meer gedetailleerde beschrijving van dit beloningsprogramma is opgenomen in het Remuneratieverslag en het Remuneratiebeleid van de Vennootschap.
Het Remuneratieverslag geeft een overzicht van het vesten van de prestatieaandelen, restricted stock units en aandelenopties die zijn toegekend aan leden van het Uitvoerend Comité.
Tussen 1 december 2024 en 10 april 2025 voerde de Vennootschap een aandeleninkoopprogramma uit. In die context verwierf het 1,5 miljoen aandelen (die 1,82% van het kapitaal van de Vennootschap vertegenwoordigden), en waarvoor de Vennootschap €12,4 miljoen betaalde. De aandelen die in het kader van het programma werden ingekocht, zullen bijdragen aan het vervullen door Ontex van haar verplichtingen in het kader van haar huidige en toekomstige langetermijn-belongingsplannen. Het programma werd uitgevoerd onder de voorwaarden van de machtiging verleend door de buitengewone aandeelhoudersvergadering gehouden op 5 mei 2023 en door een onafhankelijke tussenpersoon, die zijn beslissingen onafhankelijk nam op basis van een discretionair mandaat.
In totaal bezat de Vennootschap op 31 december 2025 2.349.986 eigen aandelen, hetgeen 2,9% van het kapitaal van de Vennootschap vertegenwoordigt.
GOV-3.2 Evolutie van de aandeelhouders
Krachtens de Statuten van de Vennootschap en het Corporate Governance Charter zijn de toepasselijke opeenvolgende drempels ingevolge de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in emittenten waarvan de aandelen zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt en andere diverse bepalingen (hierna de "Wet van 2 mei 2007") en het Koninklijk Besluit van 14 februari 2008 op de bekendmaking van belangrijke deelnemingen, vastgesteld op 3%, 5%, 7,5%, 10% en elk daaropvolgend veelvoud van 5%.
Op 10 januari 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat BPCE SA, Natixis SA, Natixis Investment Managers, NIM Participations 3 en DNCA Finance gezamenlijk op 12 november 2024 2.491.966 stemrechten van Ontex bezaten, wat neerkomt op 3,03% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het bezit van stemrechten overschreed daarmee de drempel van 3% naar boven toe.
Op 3 juli 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Brandes Investment Partners LP op 30 juni 2025 5.256.435 stemrechten van Ontex bezat, wat neerkomt op 6,38% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het bezit van stemrechten overschreed daarmee de drempel van 5% naar boven toe.
Op 25 juli 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Brandes Investment Partners LP op 22 juli 2025 6.182.739 stemrechten van Ontex bezat, wat neerkomt op 7,51% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het bezit van stemrechten overschreed daarmee de drempel van 7,5% naar boven toe.
Op 13 augustus 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Goldman Sachs Group Inc. op 7 augustus 2025 190.699 stemrechten van Ontex bezat en 2.368.943 equivalente financiële instrumenten, ofwel 2.559.642 in totaal. Dit vertegenwoordigt respectievelijk 0,23%, 2,88% en 3,11% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het gecombineerde bezit van stemrechten overschreed daarmee de drempel van 3,0% naar boven toe.
Op 14 augustus 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Goldman Sachs Group Inc. op 8 augustus 2025 13.767 stemrechten van Ontex bezat en 2.370.319 equivalente financiële instrumenten, ofwel 2.384.086 in totaal. Dit vertegenwoordigt respectievelijk 0,02%, 2,88% en 2,90% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het gecombineerde belang overschreed daarmee de drempel van 3,0% naar beneden toe.
Op 19 augustus 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Goldman Sachs Group Inc. op 13 augustus 2025 94.311 stemrechten van Ontex bezat en 2.425.641 equivalente financiële instrumenten, ofwel 2.519.952 in totaal. Dit vertegenwoordigt respectievelijk 0,11%, 2,95% en 3,06% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het gecombineerde belang overschreed daarmee de drempel van 3,0%.
Op 20 augustus 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Goldman Sachs Group Inc. op 14 augustus 2025 237.187 stemrechten van Ontex bezat en 2.514.427 equivalente financiële instrumenten, ofwel 2.751.614 in totaal. Dit vertegenwoordigt respectievelijk 0,29%, 3,05% en 3,34% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het bezit van equivalente financiële instrumenten overschreed daarmee de drempel van 3,0% naar boven toe voor Goldman Sachs Group Inc. en ook voor haar dochteronderneming Goldman Sachs International.
Op 21 augustus 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Goldman Sachs Group Inc. op 15 augustus 2025 23.683 stemrechten van Ontex bezat en 2.516.673 equivalente financiële instrumenten, ofwel 2.540.365 in totaal. Dit vertegenwoordigt respectievelijk 0,03%, 3,06% en 3,08% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het bezit van equivalente financiële instrumenten bleef daarmee boven de drempel van 3,0% voor Goldman Sachs Group Inc., maar daalde onder de drempel van 3,0% voor haar dochteronderneming Goldman Sachs International.
Op 22 augustus 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Goldman Sachs Group Inc. op 19 augustus 2025 82.718 stemrechten van Ontex bezat en 2.559.752 equivalente financiële instrumenten, ofwel 2.642.470 in totaal. Dit vertegenwoordigt respectievelijk 0,10%, 3,11% en 3,21% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het bezit van equivalente financiële instrumenten bleef daarmee boven de drempel van 3,0% voor Goldman Sachs Group Inc., maar overschreed de drempel van 3,0% naar boven toe voor haar dochteronderneming Goldman Sachs International.
Op 15 september 2025 ontving de Vennootschap een transparantieverklaring waarin werd bevestigd dat Brandes Investment Partners LP op 11 september 2025 8.251.487 stemrechten van Ontex bezat, wat neerkomt op 10,02% van de uitgegeven aandelen van Ontex. Het bezit van stemrechten overschreed daarmee de drempel van 10% naar boven toe.
We verwijzen naar onze website voor transparantieverklaringen ontvangen na 31 december 2025.
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-3.3 Aandeelhoudersstructuur
Gelet op de transparantieverklaringen ontvangen door de Vennootschap, was de aandeelhouderstructuur op 31 december 2025 [16] als volgt. :
De Vennootschap heeft geen kennis van enige aandeelhoudersovereenkomsten die zijn afgesloten.
| Aandelen/stemrechte | Equivalentefinanciële | Drempel | Datum | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aandeelhouders | n | [17]% | instrumenten | [17]% | Totaal | [17]% | vork | overschrijding |
| Groupe Bruxelles Lambert SA | 16.454.453 | 19,98% | - | 16.454.453 | 19,98% | 15%-20% | 20/04/2021 | |
| ENA Investment Capital | 12.411.999 | 15,07% | - | 12.411.999 | 15,07% | 15%-20% | 29/04/2020 | |
| Brandes Investment Partners LP | 8.251.487 | 10,02% | - | 8.251.487 | 10,02% | 10%-15% | 11/09/2025 | |
| The Pamajugo Irrevocable Trust | 2.722.221 | 3,64% | - | 2.722.221 | 3,64% | 3%-5% | 29/02/2016 | |
| De heer Joannes G.H.M. Niessen en Mont Cervin SARL | 2.517.540 | 3,06% | - | 2.517.540 | 3,06% | 3%-5% | 20/03/2024 | |
| BPCE SA, Natixis SA, Natixis Investment Managers, NIMParticipations 3 en DNCA Finance | 2.491.966 | 3,03% | - | 2.491.966 | 3,03% | 3%-5% | 12/11/2024 | |
| Goldman Sachs Group Inc | 82.718 | 0,10% | 2.559.752 | 3,11% | 2.642.470 | 3,21% | 3%-5% | 19/08/2025 |
[16] Updates na 31 december 2025 worden beschreven op de website: https://ontex.com/investor-relations/share-information.
[17] Percentage gebaseerd op kapitaal van uitstaande aandelen van de Vennootschap op het moment van de verklaring.
GOV-3.4 Betrokkenheid van investeerders en evolutie van het aandeel
In 2025 bleef de Vennootschap in dialoog treden met beleggers. De Vennootschap had persoonlijke ontmoetingen in het kader van investeerdersconferenties, tijdens roadshows of via videoconferenties. Deze ontmoetingen werden voornamelijk georganiseerd door de afdeling Investor Relations, terwijl het senior management zich focuste op ontmoetingen met de tien grootste aandeelhouders van de Vennootschap. Na de publicatie van de financiële resultaten organiseerde de Vennootschap ook openbare conference calls waarin ons senior management de resultaten van de Vennootschap presenteerde en vragen beantwoordde van financiële analisten en beleggers. Bovendien was de afdeling Investor Relations gedurende het jaar beschikbaar om vragen van (potentiële) investeerders te beantwoorden.
Momenteel wordt Ontex actief gevolgd door zes aandelenanalisten.
De aandelenkoers van Ontex evolueerde negatief over het jaar en daalde met 42%, van €8,39 eind 2024 naar €4,90 eind 2025. Dit werd veroorzaakt door de zwakker dan verwachte financiële resultaten, versterkt door de twee herzieningen van de vooruitzichten die Ontex in het afgelopen jaar publiceerde. Dit staat in contrast met de aanhoudende groei van de sectorindex STOXX Europe 600 Personal & Household Goods®, die met 4%, steeg en de BEL Mid®-index van Euronext Brussel, die na een daling in 2024 met 9% herstelde in 2025.
30,8 miljoen aandelen van de Vennootschap werden in 2025 verhandeld op Euronext Brussel, wat 45% vertegenwoordigt van het totale aantal aandelen dat door de Vennootschap werd uitgegeven. Dit is een stijging van 8% ten opzichte van 37% in 2024, en vertegenwoordigt een hogere liquiditeit van middelgrote en kleine bedrijven, zoals blijkt uit de liquiditeit van 23% van de BEL MID®-index, die bescheidener met 4 procentpunten steeg ten opzichte van 2024. Ontex wordt ook verhandeld op andere handelsplatformen en via OTC-transacties, die de volumes die werden verhandeld op Euronext Brussel meer dan verdubbelden.

Evolutie van de aandelenkoers in 2025
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-3.5 Dealing and Disclosure Code
Ontex hecht het hoogste belang aan de naleving van de toepasselijke regelgeving inzake marktmisbruik. Op 3 juni 2014 heeft de Raad de Dealing and Disclosure Code (hierna de "Dealing and Disclosure Code") goedgekeurd. De Dealing and Disclosure Code is vervolgens gewijzigd op 2 april 2015 en op 28 juni 2016. De Dealing and Disclosure Code beperkt transacties in financiële instrumenten van de Vennootschap door leden van de Raad en het van het Uitvoerend Comité en door bepaalde senior werknemers van de Ontex Groep gedurende gesloten en sperperiodes. De Dealing and Disclosure Code regelt ook de interne goedkeuring van voorgenomen transacties, alsook de bekendmaking van uitgevoerde transacties via een kennisgeving aan de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten, en bekendmaking van voorwetenschap. De General Counsel van de Vennootschap is de Compliance Officer voor doeleinden van de Dealing and Disclosure Code.
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-4 Relevante informatie in het geval van een overnamebod
Artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt, vereist dat genoteerde vennootschappen bepaalde gegevens bekendmaken die een invloed kunnen hebben in geval van een overnamebod.
GOV-4.1 Kapitaalstructuur
Een uitgebreid overzicht van onze kapitaalstructuur per 31 december 2025 wordt weergegeven in deel GOV-3.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
GOV-4.2 Beperkingen op de overdracht van effecten
De Statuten van de Vennootschap bevatten geen beperkingen op de overdracht van aandelen in de Vennootschap. Bovendien is de Vennootschap niet op de hoogte van dergelijke beperkingen opgelegd door de Belgische wetgeving, behalve in het kader van de regels voor marktmisbruik, en is de Vennootschap evenmin op de hoogte van overeenkomsten tussen aandeelhouders die kunnen leiden tot beperkingen op de overdracht van effecten en/of de uitoefening van stemrechten.
GOV-4.3 Houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten
Er zijn geen houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
GOV-4.4 Aandelenplannen voor werknemers waarvan de zeggenschapsrechten niet rechtstreeks door de werknemers worden uitgevoerd
De aandelen in de Vennootschap die door de deelnemers zullen worden verworven in het kader van de lange-termijn-beloningsplannen naar aanleiding van de uitoefening van de aandelenopties of naar aanleiding van het verwerven van de RSU's of prestatieaandelen, zijn ofwel nieuw uitgegeven ofwel bestaande gewone aandelen in de Vennootschap, met alle rechten en voordelen verbonden aan deze aandelen. Een meer gedetailleerde beschrijving van de lange-termijn-beloningsplannen van de Vennootschap is uiteengezet in het Remuneratiebeleid en het Remuneratieverslag van de Vennootschap.
De Vennootschap heeft geen aandelenplannen voor werknemers opgezet waarvan de zeggenschapsrechten niet rechtstreeks worden uitgeoefend door Ontex' managers of werknemers.
GOV-4.5 Beperkingen op stemrechten
De Statuten van de Vennootschap bevatten geen beperkingen op de uitvoering van de stemrechten door de aandeelhouders, op voorwaarde dat de betreffende aandeelhouders voldoen aan de formaliteiten om toegelaten te worden tot de aandeelhoudersvergadering en hun stemrechten niet zijn geschorst door één van de gebeurtenissen voorzien in de Statuten of in het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Overeenkomstig artikel 11 van de Statuten van de Vennootschap, kan de Raad de uitoefening van rechten verbonden aan aandelen gehouden door meerdere aandeelhouders schorsen.
De Vennootschap heeft geen kennis van enige beperkingen onder Belgisch recht op het uitoefenen van stemrechten door de aandeelhouders.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
GOV-4.6 Regels over de benoeming en vervanging van de leden van de Raad
De duur van het mandaat van bestuurders is onder Belgisch recht beperkt tot zes jaar (hernieuwbaar), maar de Corporate Governance Code 2020 beveelt aan dat deze duur beperkt wordt tot vier jaar (Aanbeveling 5.6). De Vennootschap leeft deze aanbeveling na. De benoeming en herbenoeming van bestuurders wordt voorgesteld door de Raad, op basis van een aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité, en is onderworpen aan goedkeuring door de algemene vergadering.
GOV-4.7 Regels over wijzigingen aan de statuten
Met uitzondering van kapitaalverhogingen beslist door de Raad binnen de limieten van het toegestane kapitaal of een verplaatsing van de zetel van de Vennootschap (indien zulke verplaatsing geen wijziging met zich meebrengt voor de toepasselijke taalwetgeving vergeleken met diegene die momenteel toepasselijk is), is enkel een buitengewone algemene aandeelhoudersvergadering bevoegd om de Statuten van de Vennootschap te wijzigen. Een buitengewone algemene vergadering kan enkel geldig beraadslagen over wijzigingen aan de statuten als ten minste 50% van het aandelenkapitaal is vertegenwoordigd. Als het bovenstaande aanwezigheidsquorum niet is bereikt, dient opnieuw een buitengewone algemene aandeelhoudersvergadering te worden bijeengeroepen, die geldig zal kunnen beraadslagen, ongeacht welk aandeel van het aandelenkapitaal op de algemene vergadering is vertegenwoordigd. In het algemeen kunnen statutenwijzigingen enkel worden aangenomen indien goedgekeurd met ten minste 75% van de uitgebrachte stemmen. Het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen voorziet striktere meerderheidsvereisten in specifieke gevallen, zoals voor aanpassingen aan het maatschappelijk doel van de Vennootschap.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
GOV-4.8 Toegestaan kapitaal
Op 5 mei 2023 hernieuwde de buitengewone algemene vergadering de machtiging aan de Raad met betrekking tot toegestaan kapitaal onder de volgende voorwaarden. De Raad is bevoegd om het kapitaal, in één of meerdere keren, te verhogen volgens de bepalingen en voorwaarden zoals de Raad zal vaststellen (i) met een gecumuleerd bedrag van maximaal 82.358.746,64 € in geval van een (of meerdere) kapitaalverhoging(en) met beperking of uitsluiting van het voorkeurrecht van de aandeelhouders, inclusief ten gunste van één of meer bepaalde personen andere dan leden van het personeel van de Vennootschap of haar dochtervennootschappen; en (ii) met een gecumuleerd bedrag van maximaal 164.717.493,28 € in geval van een (of meerdere) kapitaalverhoging(en) zonder beperking of uitsluiting van het voorkeurrecht van de aandeelhouders.
Deze bevoegdheid is geldig voor een termijn van vijf jaar vanaf de datum van bekendmaking in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van de statutenwijziging waartoe werd besloten door de buitengewone algemene vergadering van 5 mei 2023. Deze bevoegdheid kan worden vernieuwd in overeenstemming met de relevante bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
GOV-4.9 Verkrijging van eigen aandelen
Op 5 mei 2023 hernieuwde de buitengewone algemene vergadering de machtiging aan de Raad met betrekking tot de verwerving van eigen aandelen onder de voorwaarden hieronder uiteengezet.
De Vennootschap mag, zonder voorafgaande toestemming van de algemene vergadering, en de Raad is gemachtigd, haar eigen aandelen, winstbewijzen en certificaten die daarop betrekking hebben in pand te nemen en te verkrijgen, op of buiten de markt voor financiële instrumenten, tot maximaal 10% van elk van de uitstaande aandelen, winstbewijzen en certificaten die daarop betrekking hebben van de Vennootschap tegen een prijs die niet meer dan 5% boven de hoogste slotkoers op Euronext Brussels tijdens de laatste 30 handelsdagen voorafgaand aan de transactie bedraagt, en niet meer dan 10% onder de laagste slotkoers op Euronext Brussels tijdens de laatste 30 handelsdagen voorafgaand aan de transactie bedraagt, in voorkomend geval overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Deze machtiging is geldig voor een termijn van vijf jaar vanaf de datum van bekendmaking in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van de statutenwijziging waartoe werd besloten door de buitengewone algemene vergadering van 5 mei 2023. De machtiging kan worden vernieuwd in overeenstemming met de relevante bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
Zoals uiteengezet in deel GOV-3.1 hierboven, heeft de Vennootschap tussen 1 december 2024 en 10 april 2025 een aandeleninkoopprogramma uitgevoerd, in het kader waarvan in totaal 1,5 miljoen aandelen werden verworven.
GOV-4.10 Materiële overeenkomsten waarbij de Vennootschap partij is die een clausule van controlewijziging bevatten
GOV-4.10.1 Wentelkredietfaciliteit
De Vennootschap, en bepaalde van haar dochterondernemingen als garantieverstrekkers, gingen op 27 november 2024 een wentelkredietfaciliteit aan voor een bedrag van 270.000.000 € (de "Wentelkredietfaciliteit"). De opbrengsten werden gebruikt voor de herfinanciering van bestaande schulden en voor algemene bedrijfsdoeleinden.
De Wentelkredietfaciliteit bevat bepalingen die in werking kunnen treden in geval van een wijziging van controle over de Vennootschap. Meer in het bijzonder bepaalt de Wentelkredietfaciliteit onder meer dat elke persoon of groep van personen die in onderling overleg handelen en die, rechtstreeks of onrechtstreeks, de uiteindelijk economische eigendom verkrijgen van het uitgegeven kapitaal van de Vennootschap die het recht geeft om meer dan 50% van de stemmen uit te brengen die kunnen worden uitgebracht op een algemene vergadering van de Vennootschap, kan leiden tot een verplichte vooruitbetaling en opzegging onder de Wentelkredietfaciliteit.
GOV-4.10.2 Indenture
De Vennootschap, en bepaalde van haar dochterondernemingen als garantieverstrekkers, zijn op 3 april 2025 een overeenkomst aangegaan (de "Indenture") op grond waarvan de Vennootschap een niet achtergestelde obligatie ter waarde van 400.000.000 € met een rente van 5,250% en een looptijd tot 2030 heeft uitgegeven (de "Senior Notes"). De opbrengst werd gebruikt voor de herfinanciering van bestaande schulden en voor algemene bedrijfsdoeleinden.
De Indenture bevat bepalingen die van toepassing worden in het geval van een wijziging van de controle over de Vennootschap. Meer in het bijzonder bepaalt de Indenture onder meer dat elke persoon of groep van personen die in onderling overleg handelen (anders dan bepaalde vrijgestelde personen) die, rechtstreeks of onrechtstreeks, de uiteindelijke economisch eigendom verwerft van meer dan 50% van de totale stemrechten die kunnen worden uitgebracht op een algemene vergadering, kan leiden tot een verplicht aanbod van de Vennootschap om de niet-achtergestelde obligatie terug te kopen tegen een aankoopprijs gelijk aan 101% van de hoofdsom van de niet-achtergestelde obligatie (samen met opgelopen en onbetaalde rente).
GOV-4.10.3 Factoring Overeenkomst
De Vennootschap sloot op 21 februari 2018 een Factoring Overeenkomst af met BNP Paribas Fortis Factor NV en KBC Commercial Finance NV (de "Factoring Overeenkomst"). De Factoring Overeenkomst bevat bepalingen die kunnen worden geactiveerd in geval van een controlewijziging over de Vennootschap. Meer specifiek bepaalt de Factoring Overeenkomst onder meer dat in het geval dat de effectieve controle over een partij wordt overgedragen aan anderen, de andere partij het recht heeft om de Factoring Overeenkomst te beëindigen.
GOV-4.10.4 Hedging Overeenkomst
De Vennootschap sloot op 12 maart 2018 een ISDA FX indekkingsovereenkomst af met Crédit Agricole Corporate and Investment Bank ("CACIB") (de "Hedging Overeenkomst"). De indekkingsovereenkomst bevat bepalingen die kunnen worden geactiveerd in geval van een controlewijziging over de Vennootschap. Meer specifiek voorziet de indekkingsovereenkomst, onder andere, dat een controlewijziging, wat gedefinieerd is als elke persoon of groep van personen die in onderling overleg handelen die, rechtstreeks of onrechtstreeks, de uiteindelijke economisch eigendom verwerft van het uitgegeven aandelenkapitaal van de Vennootschap, CACIB het recht geeft om de Hedging Overeenkomst te beëindigen.
GOV-4.10.5 Lange-termijn-beloningsplan
Zoals in meer detail uiteengezet in het Remuneratieverslag, heeft de Vennootschap een eenmalige toekenning van prestatieaandelen gedaan met betrekking tot de boekjaren 2023, 2024 en 2025 onder het Value Creation Projects lange-termijn-beloningsplan van de Vennootschap voor 2023-2025 (het "VCP LTIP"). Het vesten van de prestatieaandelen is afhankelijk van één prestatie-KPI (kernprestatie-indicator), namelijk de aandelenprijs van de Vennootschap. De plandocumentatie van het VCP LTIP bepaalt dat, in het geval van een controlewijziging over de Vennootschap, de uitstaande prestatieaandelen onder de regeling onmiddellijk voorafgaand aan een dergelijke controlewijziging vesten. Het aantal prestatieaandelen dat effectief zou vesten, blijft onderworpen aan de prestatietest voorzien in de documentatie van het plan, die zal worden toegepast op basis van (i) in het geval van een controlewijziging die een overname is, de biedprijs, en (ii) in het geval van een controlewijziging die geen overname is, de ruilverhouding of vergelijkbare prijs bepaald door de Raad in verband met de controlewijziging.
GOV-4.11 Beëindigingsvergoeding bij een beëindiging van een contract van de leden van de Raad, het Uitvoerend Comité of werknemers als gevolg van een openbaar overnamebod
De Vennootschap heeft geen overeenkomsten gesloten met de leden van de Raad noch met haar werknemers die als gevolg zouden hebben dat een beëindigingsvergoeding moet worden betaald indien, als gevolg van een openbaar overnamebod, de leden van de Raad of desbetreffende werknemers ontslag nemen, ontslagen worden, of als hun arbeidsovereenkomsten worden beëindigd.
Voor een algemene omschrijving van de beëindigingsclausules van de leden van de Raad en het Uitvoerend Comité verwijzen we naar het Remuneratieverslag.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-5 Belangenconflicten
In overeenstemming met artikel 7:96 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, wanneer een bestuurder een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met het belang van de Vennootschap naar aanleiding van een beslissing of een verrichting die tot de bevoegdheid behoort van de Raad, moet de betrokken bestuurder dit mededelen aan de andere bestuurders vóór de Raad een besluit neemt en moet de commissaris op de hoogte worden gebracht. Het betrokken lid van de Raad mag niet deelnemen aan de beraadslagingen van de Raad over deze beslissingen of verrichtingen, noch daarover stemmen.
Naast de wettelijke vereisten verwacht de Vennootschap, in het algemeen en zoals uiteengezet in het Corporate Governance Charter, dat elk lid van de Raad zijn of haar persoonlijke en zakelijke aangelegenheden op een zodanige wijze regelt dat elke (schijn van) belangenconflict van een persoonlijke, professionele of financiële aard met de Vennootschap vermeden wordt, zowel rechtstreeks als via verwanten (inclusief echtgeno(o)t(e), levenspartner, of andere verwanten (door afstamming of huwelijk) tot de tweede graad en pleegkinderen).
De belangenconflictenprocedure voorgeschreven door artikel 7:96 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen werd niet toegepast door de Vennootschap in 2025.
In de loop van 2025 heeft de Vennootschap geen transacties aangegaan met verbonden partijen in de zin van artikel 7:97 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-6 Naleving van de Corporate Governance Code 2020
De Vennootschap wenst hoge standaarden inzake deugdelijk bestuur na te streven en baseert zich op de Corporate Governance Code 2020 als referentiecode. De Corporate Governance Code 2020 is gebaseerd op een "pas toe of leg uit" benadering. Belgische beursgenoteerde ondernemingen moeten handelen in overeenstemming met de Corporate Governance Code 2020, maar kunnen afwijken van deze bepalingen voor zover deze niet zijn opgenomen in het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en op voorwaarde dat zij een rechtvaardiging voor deze afwijkingen bekendmaken in hun verklaring inzake deugdelijk bestuur zoals opgenomen in het jaarverslag, in overeenstemming met artikel 3:6, §2, 2° van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
De Raad heeft gekozen voor een monistisch bestuur. De Raad is dus het hoogste bestuursorgaan van de Vennootschap. Het is bevoegd om alle handelingen te verrichten die nodig of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het voorwerp van de Vennootschap, met uitzondering van de bevoegdheden die bij wet zijn voorbehouden aan de algemene vergadering. De Raad beslist over de strategie van de Vennootschap en neemt alle belangrijke investerings- en desinvesteringsbeslissingen. De Raad heeft het operationeel beheer van de Vennootschap gedelegeerd aan de Chief Executive Officer en het Uitvoerend Comité, die dit operationeel beheer uitoefent binnen het kader van de strategie bepaald door de Raad.
Per eind 2025 handelde de Vennootschap in overeenstemming met de Corporate Governance Code 2020. In dit verband moet worden opgemerkt dat bepaling 7.6 van de Corporate Governance Code 2020 bepaalt dat niet-uitvoerende bestuurders een deel van hun vergoeding zouden moeten ontvangen in de vorm van aandelen in de Vennootschap. De jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van de Vennootschap die plaatsvond op 5 mei 2025 keurde de herziene versie van het beloningsbeleid van de Vennootschap goed, dat onder meer voorzag in de introductie van restricted share units ("RSU") plan voor bestuursleden. Als gevolg hiervan ontvangen bestuursleden met ingang van 1 januari 2025 een deel van hun verloning in de vorm van RSU's, in lijn met de aanbeveling van de Corporate Governance Code 2020.
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-7 Gebeurtenissen na het einde van de verslagperiode
De relevante gebeurtenissen na het einde van de verslagperiode zijn opgenomen in toelichting FIN-4.32.
GOV-8 Kader voor risicobeheer en interne controlenetwerk
GOV-8.1 Inleiding
Ontex hanteert een kader voor risicobeheer en interne controle in overeenstemming met het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de 2020 Corporate Governance Code. Het bestaande kader is afgestemd op het beheerskader dat is ontwikkeld door het Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission (COSO).
Ontex wordt in het kader van haar bedrijfsactiviteiten blootgesteld aan een brede waaier van risico's die de bedrijfsdoelstellingen kunnen beïnvloeden of die ertoe kunnen leiden dat de bedrijfsdoelstellingen niet bereikt worden. Het is een sleutelcompetentie van het Audit- en Risicocomité om de doeltreffendheid van de systemen van Ontex voor interne controles en haar risicobeheerprocessen te monitoren, evenals de doeltreffendheid van de interne auditfunctie en -processen van Ontex. Het Audit- en Risicocomité adviseert en rapporteert hierover regelmatig aan de Raad van Bestuur. De praktische uitvoering en periodieke herziening van deze controles en processen worden dagelijks beheerd door het Uitvoerend Comité en alle andere medewerkers met leidinggevende verantwoordelijkheden.
Het risicobeheer- en controlesysteem dat binnen Ontex is opgezet, heeft onder meer tot doel de volgende doelstellingen te bereiken:
- realiseren van de doelstellingen van Ontex Groep;
- realiseren van operationele efficiëntie;
- verzekeren van correcte en tijdige financiële verslaggeving;
- naleving van de toepasselijke wet- en regelgeving;
- naleving van het beleid en de doelstellingen van het management; en
- bescherming van bedrijfsmiddelen.
GOV-8.2 Controleomgeving
GOV-8.2.1 Model van de drie linies
Ontex past het model van de drie linies (three lines) toe om rollen, verantwoordelijkheden en aansprakelijkheden te verduidelijken en de communicatie op het gebied van risico en controle te verbeteren. Binnen dit model zijn de verschillende lijnen die verantwoordelijk zijn voor het reageren op risico's, de volgende:
- De eerste linie: het lijnmanagement is als eerste verantwoordelijk voor het dagelijks beoordelen van risico's en het implementeren van controles als reactie op deze risico's.
- De tweede linie: toezichtsfuncties zoals de financiële afdeling, de kwaliteitsafdeling, compliance, duurzaamheid, de fiscale en de juridische afdeling houden toezicht op het risicobeheer zoals gedefinieerd in de eerste linie. De actoren van de tweede linie geven sturing en richting en ontwikkelen een raamwerk voor risicobeheer. De Compliance-functie van Ontex richt zich onder meer op communicatie en training over ethische zaken en andere compliance-kwesties.
- De derde linie: onafhankelijke assurance-verleners, waaronder interne en externe auditfuncties, houden toezicht op en controleren de risicomanagementprocessen zoals uitgevoerd door de eerste en tweede linie.
GOV-8.2.2 Beleid, procedures en processen
Ontex bevordert een omgeving waarin zijn bedrijfsdoelstellingen en -strategie op een gecontroleerde manier worden nagestreefd. Deze omgeving wordt gecreëerd door de implementatie van verschillende bedrijfsbrede beleidslijnen, procedures en processen, zoals de Ontex waarden, de Ontex Ethische Gedragscode (en de verschillende hoofdstukken ervan, waaronder het beleid inzake anti-omkoping- en anti-witwaspraktijken, evenals eerlijke concurrentie), het kwaliteitsmanagementsysteem en de interne regels voor delegatie van bevoegdheden. De medewerkers worden regelmatig geïnformeerd en getraind over deze onderwerpen om risicobeheer en -controle op alle niveaus en in alle gebieden van de organisatie te stimuleren.
GOV-8.2.3 Groepswijde ERP-systeem
De meeste Ontex-entiteiten gebruiken hetzelfde ERP-systeem dat centraal wordt beheerd. In dit systeem zijn de rollen en verantwoordelijkheden verankerd die op groepsniveau zijn gedefinieerd. Via dit systeem worden de belangrijkste processen gestandaardiseerd en worden de belangrijkste controles afgedwongen. Dit systeem maakt ook een gedetailleerde monitoring van de activiteiten en directe toegang tot gegevens door het bedrijf mogelijk.
GOV-8.3 Risicobeheer
Doeltreffend risicobeheer begint met het identificeren en beoordelen van de risico's die verbonden zijn aan de bedrijfsvoering van Ontex en aan externe factoren. Zodra de relevante risico's geïdentificeerd zijn, streeft Ontex ernaar om deze risico's zorgvuldig te beheren en te minimaliseren. Tegelijkertijd erkent Ontex het bestaan van gewone bedrijfsrisico's en implementeert het maatregelen om deze aan te pakken, waaronder risico-escalatieprocessen om ervoor te zorgen dat de juiste besluitvormers specifiek geïdentificeerde risico's beoordelen en oplossen. De bestaande processen zijn gericht op het identificeren van de belangrijkste risico's, het beoordelen ervan, het definiëren van passende reacties, het communiceren ervan naar de juiste niveaus in de organisatie en het bewaken van de doeltreffendheid van de risicobeperkende maatregelen.
Alle medewerkers van Ontex zijn continu verantwoordelijk voor het tijdig identificeren en kwalitatief beoordelen van de risico's binnen hun verantwoordelijkheidsgebied. Naast de continue input voor de risicobeoordeling, wordt een periodieke evaluatie uitgevoerd met het Uitvoerend Comité. Als resultaat van de periodieke evaluatie worden de geïdentificeerde risico's op zijn minst jaarlijks gerangschikt op basis van hun inherente impact en de kwetsbaarheid van Ontex voor deze risico's op basis van maatstaven die periodiek herbekeken worden. Daarnaast gaat het Uitvoerend Comité dieper in op bepaalde onderwerpen, waaronder klimaatverandering en andere duurzaamheidsgerelateerde risico's. Deze beoordelingen gaan dieper in op de mogelijke gevolgen van duurzaamheidskwesties, waaronder klimaatverandering, voor Ontex' activiteiten, haar toeleveringsketen en het bredere ondernemingsklimaat. De duurzaamheidsverklaringen dienen als kritische referentie voor duurzaamheidsrisico's, door inzicht te geven in inperkingstrategieën, veerkracht en duurzaamheidsdoelstellingen voor de lange termijn. Door duurzaamheidsrisico's (inclusief klimaatverandering) op te nemen in het risicobeheerkader, verbetert Ontex het vermogen om proactief opkomende bedreigingen in duurzaamheidskwesties te identificeren, te beoordelen en te beheren. Het Audit- en Risicocomité is verantwoordelijk voor het monitoren van ESGrisico's.
Ontex heeft zijn belangrijkste bedrijfsrisico's geïdentificeerd en geanalyseerd. Deze bedrijfsrisico's worden gecommuniceerd naar de verschillende managementniveaus.
GOV-8.4 Controleactiviteiten
Er zijn beheersmaatregelen getroffen om de effecten van risico's op Ontex' vermogen om haar doelstellingen te bereiken, tot een minimum te beperken. Deze controleactiviteiten zijn ingebed in de belangrijkste bedrijfsprocessen en systemen van Ontex om ervoor te zorgen dat de risicoreacties en de algemene doelstellingen van Ontex worden uitgevoerd zoals vooropgesteld. Controleactiviteiten worden in de hele organisatie uitgevoerd, op alle niveaus en binnen alle afdelingen. De belangrijkste compliance-domeinen worden voor de hele Ontex Groep opgevolgd door het hoofd van Compliance (op groepsniveau) en door het gehele compliance team (op lokaal niveau). De Compliance-functie ondersteunt de naleving van de Ontex' Ethische Code en de invoering van duidelijke processen en procedures met betrekking tot de Ethische Code. De strategie voor de lange termijn en de jaarlijkse doelstellingen van Compliance worden goedgekeurd door het Uitvoerend Comité en door het Audit- en Risicocomité en er wordt twee keer per jaar (of op elk ander moment wanneer een specifieke aangelegenheid een ad-hoc rapportage vereist) gerapporteerd aan het Uitvoerend Comité en het Audit- en Risicocomité, dat op zijn beurt rapporteert aan de Raad van Bestuur. Het Hoofd van Compliance en de Interne Audit Manager komen regelmatig bij elkaar om toenemende risico's op basis van incidenten te bespreken in relatie tot de Ethische Code en (nieuwe of bestaande) wettelijke kaders te bespreken. Meer informatie over de aanpak, strategie en vooruitgang van Ontex op het gebied van bedrijfsethiek en compliance is te vinden in de Duurzaamheidsverklaringen.
Naast deze controleactiviteiten is er een verzekeringsprogramma voor bepaalde risicocategorieën die niet kunnen worden geabsorbeerd zonder materieel effect op de balans van de Vennootschap.
GOV-8.5 Informatie en communicatie
Ontex erkent het belang van tijdige, volledige en accurate communicatie en informatie, zowel top-down als bottom-up. Ontex heeft daarom verschillende maatregelen genomen om onder meer het volgende te garanderen:
- de vertrouwelijkheid van informatie te waarborgen;
- duidelijke communicatie over rollen en verantwoordelijkheden; en
- tijdige communicatie met alle belanghebbenden over externe en interne veranderingen die van invloed zijn op hun verantwoordelijkheidsgebieden.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
GOV-8.6 Monitoring van controlemechanismen
Monitoring mechanismen hebben tot doel de doeltreffende werking van de interne controlesystemen te waarborgen.
De kwaliteit van het risicobeheer en interne controlekader van Ontex wordt beoordeeld door de volgende actoren:
- Interne audit. De taken en verantwoordelijkheden van Interne Audit zijn vastgelegd in het Interne Audit Charter, dat is goedgekeurd door het Audit- en Risicocomité. De belangrijkste missie van de Interne Audit, zoals gedefinieerd in het Interne Audit Charter, is "waarde toevoegen aan de organisatie door een systematische, gedisciplineerde aanpak toe te passen bij het evalueren van het interne controlesysteem en aanbevelingen te maken om het te verbeteren." Interne auditrapporten worden elk kwartaal ook gedeeld met de externe auditor, en er wordt een vergadering gehouden om eventuele patronen of trends in de geïdentificeerde kwesties te bepalen.
- Externe audit. In het kader van zijn controle van de jaarrekening richt de commissaris zich op de opzet en effectiviteit van interne controlemaatregelen en systemen die relevant zijn voor het opstellen van de jaarrekening. De resultaten van de audits, met inbegrip van de werkzaamheden op het gebied van interne controles, worden gerapporteerd aan het Uitvoerend Comité en het Audit- en Risicocomité (dat op zijn beurt rapporteert aan de Raad van Bestuur) en gedeeld met Interne Audit.
- Audit- en Risicocomité / Raad van Bestuur. Het Audit- en Risicocomité en de Raad van Bestuur hebben de eindverantwoordelijkheid met betrekking tot de interne controle en het risicobeheer. Meer gedetailleerde informatie over de samenstelling en werking van het Audit- en Risicocomité en de Raad van Bestuur is te vinden in deel GOV-2.5.1.
GOV-8.7 Risicobeheer en interne controle met betrekking tot het proces van financiële verslaggeving
De nauwkeurige en consistente toepassing van de boekhoudregels in heel Ontex wordt gewaarborgd door middel van een Finance en Accounting Manual.
Op kwartaalbasis wordt een bottom-up financiële risicoanalyse uitgevoerd om risicofactoren in kaart te brengen. Voor alle belangrijke risico's worden actieplannen opgesteld. Er zijn specifieke identificatieprocedures voor financiële risico's om de volledigheid van de financiële voorzieningen te waarborgen.
De boekhoudkundige teams zijn verantwoordelijk voor het aanleveren van de financiële cijfers, terwijl de controleteams de correctheid van deze cijfers controleren. Deze controles omvatten coherentietests door vergelijkingen met historische en budgetcijfers, evenals steekproefsgewijze controles van transacties op basis van hun materialiteit.
Er zijn specifieke activiteiten op het gebied van interne controle met betrekking tot de financiële verslaggeving, waaronder het gebruik van een checklist voor periodieke afsluiting en verslaglegging. Deze checklist zorgt voor duidelijke communicatie van tijdlijnen, volledigheid van taken en duidelijke toewijzing van verantwoordelijkheden.
Uniforme rapportage van financiële informatie binnen Ontex zorgt voor een consistente informatiestroom, waardoor mogelijke anomalieën kunnen worden geïdentificeerd. Met de ERP-systemen en managementinformatietools van Ontex heeft het centrale controleteam rechtstreeks toegang tot uitgesplitste financiële en niet-financiële informatie.
Een externe financiële kalender wordt opgesteld in overleg met, en goedgekeurd door, het Uitvoerend Comité en de Raad van Bestuur, en deze kalender wordt gecommuniceerd naar de externe belanghebbenden op de Ontex website. Het doel van deze externe financiële rapportage is om de belanghebbenden van Ontex te voorzien van de informatie die nodig is om weloverwogen zakelijke beslissingen te nemen. De financiële kalender kan geraadpleegd worden op https://www.ontex.com/investor-relations/financial-calendar.
GOV-8.8 Risicobeheer en interne controle met betrekking tot duurzaamheid
Bij Ontex wordt het cruciale belang van duurzaamheidsrapportage erkend, om ervoor te zorgen dat bedrijfsactiviteiten in lijn zijn met de doelstellingen op het gebied van milieu, maatschappij en bestuur (ESG). Ontex' streven naar transparantie en verantwoordingsplicht vereist robuuste procedures voor risicobeheer en interne controle in alle aspecten van onze duurzaamheidsrapportage.
Om de nauwkeurigheid en integriteit van onze duurzaamheidsrapportage te waarborgen, werden bevindingen uit uitgebreide risicobeoordelingen geïntegreerd in de interne functies en processen. Het risicobeheer en de interne controles worden als volgt toegepast:
- Duurzaamheidsrisicobeoordeling: Ons duurzaamheidsteam voert periodieke risicobeoordelingen uit, die een aanvulling vormen op het risicobeheerproces zoals beschreven in deel GOV.8.3, om potentiële risico's in verband met ons duurzaamheidsrapportageproces te identificeren en te evalueren. Bij deze beoordelingen wordt rekening gehouden met factoren zoals wijzigingen in de regelgeving, verwachtingen van belanghebbenden en opkomende duurzaamheidstrends. Meer gedetailleerde informatie over het risicobeoordelingskader voor duurzaamheid gerelateerde risico's is te vinden in deel SUS-2.4.
- Actieplannen voor belangrijke risico's: Op basis van de resultaten van de risicobeoordelingen worden actieplannen ontwikkeld om de belangrijkste duurzaamheidsrisico's aan te pakken. Deze plannen bevatten specifieke maatregelen om risico's in te beperken en de betrouwbaarheid van de duurzaamheidsgegevens en informatieverschaffing te verbeteren. Interne samenwerking en verantwoording: Samenwerking tussen verschillende interne functies is essentieel om de effectiviteit van Ontex' duurzaamheidsrapportageproces te waarborgen. Het duurzaamheidsteam werkt nauw samen met afdelingen zoals Operations, Financiën en Compliance om duurzaamheidsoverwegingen te integreren in hun respectieve verantwoordelijkheidsgebieden.
- Validatie- en verificatieprocessen: Er worden rigoureuze validatie- en verificatieprocessen geïmplementeerd om de nauwkeurigheid en volledigheid van duurzaamheidsgegevens te waarborgen. Er worden interne controles gehouden om de integriteit van gegevensbronnen te verifiëren, gegevenskwaliteitscontroles uit te voeren en discrepanties met elkaar af te stemmen. Interne Audit speelt een cruciale rol bij het valideren en verifiëren van duurzaamheidsgegevens door audits uit te voeren die gericht zijn op de
interne controles die zijn ingebed in de duurzaamheidsprocessen. Deze audits beoordelen de effectiviteit van interne controles die zijn ontworpen om duurzaamheidsrisico's te beperken, de naleving van relevante normen en voorschriften te waarborgen en de betrouwbaarheid van duurzaamheidsinformatieverschaffing te bevorderen.
- Duidelijke communicatie en documentatie: Ontex hanteert duidelijke communicatiekanalen en documentatieprocedures om transparantie en verantwoording in het duurzaamheidsrapportageproces te vergemakkelijken. Er worden gestandaardiseerde rapportageprotocollen en documentatievereisten opgesteld om werknemers te begeleiden bij het vervullen van hun verantwoordelijkheden.
- Continue verbetering en aanpassing: Ontex' benadering van risicobeheer en interne controle is dynamisch en speelt in op veranderende uitdagingen en kansen op het gebied van duurzaamheid. Het team evalueert en actualiseert de processen regelmatig in het licht van nieuwe ontwikkelingen, feedback van belanghebbenden en best practices op het gebied van duurzaamheidsrapportage.
Door risicobeheer en interne controles te integreren in het duurzaamheidsrapportageproces, wordt de betrouwbaarheid en geloofwaardigheid van Ontex' informatieverschaffing verbetert, wordt het vertrouwen van belanghebbenden versterkt en wordt Ontex' inzet voor duurzame bedrijfspraktijken bevorderd.
GOV-8.9 Ontex' voornaamste risico's
Hieronder vindt u gedetailleerde beschrijvingen van de belangrijkste geïdentificeerde risico's en opportuniteiten voor Ontex, samen met de manier waarop het risico bij Ontex wordt beheerd (met inbegrip van eventuele risicobeperkende-inspanningen die momenteel worden geleverd of gepland in de toekomst als onderdeel van het risicobeperkingsplan).
Deze risico's kunnen van invloed zijn op de verwezenlijking van Ontex' strategische drijfveren, zoals uiteengezet in het Strategisch rapport van dit jaarverslag. Ze zijn gerangschikt op type risico en zijn niet in volgorde van prioriteit.
GOV-8.9.1 Contextuele risico's
Geopolitieke instabiliteit
Ontex is wereldwijd actief en is bijgevolg onderhevig aan risico's die verbonden zijn aan dergelijke wereldwijde activiteiten. Bestaande of toekomstige instabiliteit in sommige van de landen waarin Ontex actief is, kan de manier waarop zaken worden gedaan beperken (bijvoorbeeld als gevolg van dubbelzinnige wetgeving, onvoorspelbaarheid van rechtbanken of overheidsinstanties, of administratieve hindernissen). Geopolitieke spanningen kunnen de handelsbetrekkingen verslechteren en de wereldwijde economische activiteit verstoren, wat zich direct en indirect kan vertalen in de activiteiten van Ontex.
Risicobeheer
Verschillende belanghebbenden bij Ontex houden zich bezig met het opvolgen van de macroeconomische en geopolitieke situatie in de regio's waarin Ontex actief is. Tijdens periodieke vergaderingen om de zakelijke resultaten te bespreken, vindt een beoordeling plaats van de verschillende macro-economische en geopolitieke situaties die relevant zijn voor Ontex en worden corrigerende maatregelen besproken.
Ontex heeft een programma voor veerkracht in de toeleveringsketen opgezet voor haar prioritaire klanten en bestverkopende producten. Ontex' wereldwijde aanwezigheid laat toe om lokale landenrisico's tot op zekere hoogte te verhelpen door gebruik te maken van andere activiteiten (bijv. produceren vanaf een andere locatie).
Door de desinvestering van de Emerging Markets activiteiten, met name in Mexico, Brazilië, Turkije, Pakistan en Algerije, samen met de bijbehorende exportactiviteiten, heeft Ontex haar blootstelling aan landenrisico's verminderd. Dergelijke risico's komen doorgaans vaker voor in opkomende economieën, zoals macro-economische instabiliteit, valutadepreciatie, politieke onzekerheid en onvoorspelbare regelgevende omgevingen. Hierdoor heeft de desinvestering van de Emerging Markets activiteiten het algehele risicoprofiel van de Groep verbeterd.
Sinds het begin van het conflict tussen Rusland en Oekraïne werden strikte voorwaarden gedefinieerd voor de activiteiten in Rusland, om te voldoen aan de veranderende regelgeving inzake economische sancties. Dit model heeft geleid tot de toenemende autonomie van de meeste lokale activiteiten in Rusland binnen een door de groep gedefinieerd kader, waarbij de normen van Ontex inzake kwaliteit, veiligheid, financiële controles, rapportage en doelstellingen nageleefd kunnen blijven worden. In het kader hiervan worden bepaalde intra groepsdiensten nog steeds voorzien door de Groep aan de Russische activiteiten, zoals toegestaan door de overheidsautorisatie toegestaan door de Belgische Federale Publieke dienst voor Economie in 2024. Dergelijke overheidsautorisatie heeft een beperkte duur en verdere verlenging is niet gegarandeerd, wat er zou toe kunnen leiden dat deze intra groepsdiensten stopgezet worden. Indien de autorisatie om intra groepsdiensten aan te bieden aan de Russische onderneming niet zou vernieuwd worden, zouden de Russische activiteiten dit zelf onafhankelijk moeten voorzien en zou Ontex bijgevolg bepaalde maatregelen moeten nemen om negatieve effecten op de Groepsactiviteiten te vermijden (bv. in de informatica omgeving en databeveiliging). Meer information over Ontex' Russische activiteiten is te vinden in toelichting FIN-4.4.10.
Tariefbarrières
De activiteiten van Ontex kunnen materieel nadelig worden beïnvloed door de invoering of verhoging van invoertarieven of andere handelsmaatregelen van overheden. De invoering van nieuwe tariefbarrières of het verhogen van bestaande tarieven, zoals de recente wijzigingen in invoertarieven door de Amerikaanse overheid, kan een ongunstig effect hebben op de onderneming en zijn operationele resultaten.
Risicobeheer
Ontex heeft een volledige beoordeling uitgevoerd met betrekking tot zijn blootstelling, en onderhoudt die ook, inclusief vrijstellingslijsten per land van oorsprong en per materiaal. Ontex heeft actieplannen ontwikkeld om de potentiële impact van tarieven te beperken, waaronder:
- Diversificatie van de toeleveringsketen: Het verkennen van alternatieve inkoopopties uit landen met lagere tarieven of gunstigere handelsakkoorden.
- Optimalisatie van operaties: Het evalueren en aanpassen van Ontex' operationele opzet, inclusief lokale productie in de Verenigde Staten, om importvolumes te verminderen.
- Heronderhandelen van contracten: Het aangaan van gesprekken met klanten en leveranciers om prijzen, voorwaarden of andere contractuele aspecten aan te passen om rekening te houden met de verhoogde kosten door hogere tarieven, met als doel de impact te delen terwijl de relatie behouden blijft.
- Versterking van het compliance-kader voor regelgevende programma's: De standaardisatie van documentatie zodat Ontex volledig kan genieten van alle beschikbare regelgevende programma's van overheidsinstanties ter ondersteuning van de productie, door vereisten volledig, correct en tijdig in te dienen.
Specifiek voor de blootstelling van de Mexicaanse activiteiten van Ontex aan de Amerikaanse markt werd de USMCA-conformiteit geverifieerd door een extern advocatenkantoor. Niettemin heeft Ontex voor het merendeel van de grondstoffen zijn bevoorrading aangepast naar een gemengde leveranciersbasis van zowel Amerikaanse als Mexicaanse leveranciers.
Concurrentie
In al zijn activiteiten is Ontex actief in omgevingen met hevige concurrentie van merkproductfabrikanten en retailermerken. Hoewel Ontex concurreert met gevestigde regionale spelers, winnen steeds meer nieuwe concurrenten aan terrein in de belangrijkste markten van Ontex. Deze hebben vaak productie in landen met lagere kosten, zoals China. Acties en reacties van de verschillende spelers in de competitieve omgeving kunnen marktverschuivingen en -reacties teweegbrengen en het marktaandeel en de marges van Ontex beïnvloeden. Bovendien verwachten onze klanten flexibele prijzen, wat Ontex in staat kan stellen om extra contracten te genereren, maar ook het risico met zich meebrengt dat contracten verloren gaan aan concurrenten. Ontex is ook blootgesteld aan het risico dat alternatieve producten, oplossingen of bedrijfsmodellen die beantwoorden aan de evoluerende behoeften van de klant, de productportefeuille van Ontex zouden vervangen, wat de positie van Ontex in de markten waarin het actief is, in gevaar zou kunnen brengen.
Risicobeheer
Ontex' ambitie is om de nummer één partner te zijn voor retailermerken en in de gezondheidszorg, en om deze ambitie te bereiken is uitmuntendheid in dienstverlening en kwaliteitsniveaus vereist. Ontex verbetert consequent zijn kosten- en prijsconcurrentievermogen, terwijl het haar klantensegmentatie verfijnt en klantgerichtheid stimuleert.
Innovatie speelt een centrale rol in de lopende ontwikkeling van de productportefeuille, waarbij aansluiting met de behoeften van klanten en consumenten wordt verzorgd. Het heringerichte categoriebeheer maakt een nauwere integratie van klantinzichten en innovatie mogelijk, ondersteund door regelmatige strategische afstemmingsvergaderingen met key accounts. Proactief marktonderzoek laat Ontex toe om markttrends en acties van concurrenten op te volgen, te anticiperen en hierop te reageren.
Een van Ontex' fundamentele troeven ligt in de diversiteit van ons klantenbestand. Ontex bedient klanten in een breed spectrum van industrieën en regio's en verkoopt producten aan ongeveer 100 landen wereldwijd. Deze gediversifieerde portefeuille fungeert als buffer tegen schommelingen in een interne markt of sector, waardoor de impact van de concurrentiedynamiek in specifieke regio's of industrieën wordt ingeperkt. Bovendien wort de klantenportefeuille gebalanceerd door niet te afhankelijk te zijn van een handvol klanten. De top 10 van de klanten zijn samen goed voor minder dan 40% van de totale activiteiten. Deze evenwichtige verdeling zorgt ervoor dat de inkomstenstromen niet te afhankelijk zijn van één enkele klantrelatie.
Wet- en regelgeving
Onvoorziene of niet-geïdentificeerde wijzigingen in de wetgeving of verkeerde interpretatie van bestaande wetgeving kunnen leiden tot rechtszaken of boetes of de kosten van zakendoen verhogen. Wijzigingen in de regelgeving kunnen leiden tot extra kosten of uitsluiting van marktsegmenten in geval van niet-naleving.
Risicobeheer
Veranderingen in de strategie en productportfolio stellen Ontex steeds meer bloot aan meer gereguleerde markten en productsegmenten. Verschillende domeinen in de organisatie screenen continu het regelgevingslandschap door deelname aan industriële fora, conferenties, enz. en zijn verantwoordelijk voor het creëren van het vereiste bewustzijn binnen de organisatie rond dergelijke wijzigingen in de regelgeving.
De naleving van de bestaande regelgeving wordt afgedwongen via Ontex' Ethische code. De Ethische code legt de waarden vast met betrekking tot concurrentievervalsing, omkoping, belangenconflicten, professioneel gedrag, mensenrechten, gesanctioneerde landen. Medewerkers krijgen periodiek trainingen over de onderwerpen die zijn opgenomen in Ontex' ethische code. Bovendien zijn de leveranciers verplicht om een gedragscode te ondertekenen die arbeids-, ethiek- en gezondheids- en veiligheidsnormen omvat. Inbreuken op Ontex' ethische code kunnen worden gemeld via verschillende kanalen binnen de organisatie of via het (anonieme) online Speak Up! Web platform.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Catastrofale schade
Het risico op catastrofale schade verwijst naar de mogelijkheid op significante schade aan de activiteiten, bezittingen of personeel van de Vennootschap, als gevolg van een onverwachte, grootse gebeurtenis. Dergelijke gebeurtenissen omvatten natuurrampen (aardbevingen, overstromingen, orkanen), menselijke ongelukken (industriële ongelukken, branden,…) of andere onvoorziene crisissen die de normale activiteiten ernstig kunnen verstoren.
Risicobeheer
Ontex heeft een allesomvattend risicomanagement beheer ingevoerd om de waarschijnlijkheid en de impact van dergelijke catastrofale gebeurtenissen te beperken. Deze omvatten:
- Bedrijfscontinuïteitsplanning (BCP): Doorlopende ontwikkeling en het testen van bedrijfscontinuïteit en herstelplannen bij rampen.
- Verzekeringsdekking: Uitgebreide verzekeringsrichtlijnen om eigendomschade, bedrijfsonderbreking en enige andere verplichtingen als gevolg hiervan te dekken. Ontex beoordeelt regelmatig de factoren die in aanmerking worden genomen voor verzekeringsdekking, specifiek met betrekking tot klimaatrisico's.
- Actieprotocol bij noodgevallen: regelmatige training en oefeningen om een snelle respons in het geval van een crisis te bewerkstelligen.
- Weerstandsopbouw: investeringen in een bestendige infrastructuur, gebouwen, uitrusting en informatica om de mogelijke schade te beperken.
- Diversificatie van activiteiten: geografische en operationele verspreiding om het concentratierisico in één gebied te beperken.
GOV-8.9.2 Operationele risico's
Prijsstrategie
Hoewel de prijzen in de verkoopcontracten van Ontex doorgaans vastliggen voor de duur van het contract, zijn de grondstofkosten in aankoopovereenkomsten vaak gekoppeld aan indexen. Bovendien moet Ontex de potentiële impact van inflatie op andere elementen zoals transport, arbeid, energie,... beheren terwijl gecontracteerde prijzen van klanten al dan niet over aanpassingsmechanismen beschikken. Bovendien kunnen klanten lagere prijzen verwachten wanneer de inflatie daalt, wat de prijsstrategieën en marktdynamiek van Ontex nog complexer maakt. Tegelijkertijd wil Ontex zijn marges vrijwaren door onder meer continue kostenbesparingen en operationele verbeteringen door te voeren in al zijn activiteiten, maar ook door te werken aan innovatie en de juiste productmix om de beste waarde aan zijn klanten te leveren.
Risicobeheer
Ontex is georganiseerd rond een proces met snelle escalatie voor kosteninflatie en prijszetting naar klanten toe. Dit proces omvat prijsbesprekingen, zowel intern als naar leveranciers en klanten toe, met als doel flexibele prijsmechanismen naar haar klanten toe te voeren. De prijzen en marges van Ontex worden centraal opgevolgd op basis van onder meer de continue input van haar verkoop- en controleteams en het volgen van de prijzen op schap. Ontex blijft zijn aanpak verfijnen, door innovatie en de productmix maximaal te laten renderen om zo het tijdsverschil tussen de stijging in grondstof- en andere kosten en de prijszetting ten aanzien van onze klanten te minimaliseren.
ERP transitie
Ontex zal in de loop van 2026 zijn overkoepelende ERP-systeem opwaarderen van SAP ECC naar SAP S/4HANA, waarmee de technologische infrastructuur wordt gemoderniseerd en afgestemd op de huidige standaarden. Dit migratieproject waarborgt de continuïteit van de bedrijfsvoering voor de komende jaren en is een belangrijke facilitator voor het realiseren van een gerichte portefeuille van procesverbeteringsprojecten die de operationele uitmuntendheid en klantgerichte innovatiecapaciteiten van Ontex zullen versterken.
Risicobeheer
Ontex gebruikt zijn ERP-systeem ter ondersteuning van kritieke processen in zijn fabrieken en locaties en heeft de volgende maatregelen genomen om potentiële risico's te beperken en een vlotte overgang te verzekeren:
- Ontex koos voor een brown-field conversie om de impact op de bedrijfsprocessen te beperken, waarbij procesverbeteringen geleidelijk worden ingevoerd in een latere fase na een succesvolle conversie;
- Ontex selecteerde een professionele en gecertificeerde implementatiepartner om het project uit te voeren, en betrekt daarbij ook de ERP-leverancier zelf;
- Een Business Process Transformation Team, met senior proces-experts uit alle functionele domeinen, leidt het project in nauwe samenwerking met de informatica-afdeling en externe dienstverleners;
- Best-practiceprojectmethodologie en change management worden toegepast, en Ontex neemt operationele maatregelen om na go-live een geleidelijke opschaling van de activiteiten te verzekeren.
Informatiebeveiliging en privacy
Ontex is steeds afhankelijker van informaticasystemen en gegevensbeheer om de Vennootschap te laten opereren. Er bestaat een risico op verstoring van de informaticasystemen en dat gevoelige gegevens kunnen worden gecompromitteerd door het lekken van informatie (van binnen de organisatie of door derden), kwaadwillige cyberaanvallen of technologische storingen. Een verstoring van de informaticasystemen kan gevolgen hebben voor de verkoop, productie en kasstromen, wat uiteindelijk gevolgen heeft voor Ontex' resultaten. Ongeoorloofde toegang tot en misbruik van gevoelige informatie kan de bedrijfsactiviteiten onderbreken en/of leiden tot verlies van activa, de concurrentiepositie schaden of het vertrouwen van investeerders aantasten. Het kan ook een negatieve invloed hebben op Ontex' reputatie.
Risicobeheer
Ontex blijft zijn informatiebeveiligings- en privacy maatregelen verder versterken, waarbij de groeiende afhankelijkheid van informaticasystemen en de potentiële risico's van cyberdreigingen en datalekken erkend wordt. Cyberteams reageerden adequaat op het veranderende dreigingslandschap, verbeterden de mogelijkheden van het Cyber Security Operations Centre (CSOC) en implementeerden geavanceerde AI-gebaseerde oplossingen voor het voorkomen en detecteren van bedreigingen.
Ontex' sterke toewijding aan informatiebeveiliging blijkt uit verschillende beveiligingscertificeringen en -accreditaties, waaronder ISO27001 (ISO27001:2022 certificering in alle landen), Cyber Essentials, Cyber Essentials Plus, Data Security Protection-certificering (DSPT) en PCI-DSS-certificering. Deze worden vervolledigd door regelmatige externe onafhankelijke audits en informaticapenetratietests om de effectiviteit van de beveiligingsmaatregelen te waarborgen. Samen zorgen deze maatregelen voor afstemming op de relevante regelgevende kaders en standaarden, waaronder NIS2, en versterken zij het verantwoord gebruik van opkomende technologieën door Ontex, in lijn met het AI-Handvest van de Groep.
Sterke nadruk wordt gelegd op het wapenen van medewerkers met uitgebreide informatiebeveiligingstrainingen. Wereldwijde trainingsprogramma's, waarin zowel traditionele als op AI-gebaseerde middelen worden geïntegreerd, zijn gericht op het vergroten van het bewustzijn en de bereidheid van werknemers om cyberrisico's effectief te beperken.
Ontex richt zich op de belangrijkste gebieden die zijn beschreven in het stappenplan voor informatiebeveiliging en privacy voor de lange termijn, waaronder verbeterde technologiebescherming binnen fabrieken en verbeterde continuïteit door middel van een wereldwijde back-up- en hersteloplossing. Ontex blijft ook waakzaam voor opkomende bedreigingen, zoals die die komen van AI of het veranderende geopolitieke landschap.
Ontex heeft een stappenplan ontwikkeld dat zich richt op verschillende gebieden, waaronder belangrijke culturele verbeteringsprogramma's, verbeteringen in de beveiliging van de toeleveringsketen en de voortdurende verbetering van zijn beveiligingshouding door middel van strategische initiatieven op het gebied van AI-technologieën.
Voortdurende evaluatie en verbetering van de beveiligingsmaatregelen blijven centraal staan in de strategie terwijl Ontex zich aanpast aan de veranderende marktdynamiek en veiligheidsbedreigingen.
Vanuit een beheersperspectief wordt het stappenplan van Ontex voor informatiebeveiliging en privacy onderschreven door het Uitvoerend Comité. In het kader van de monitoring van de interne controle- en risicobeheerprocessen ontvangt het Audit- en Risicocomité periodiek updates over informatiebeveiligings- en privacy risico's, -processen en -acties. Dit omvat een jaarlijkse uitgebreide update aan het Audit- en Risicocomité, aangevuld met "ad-hoc"-updates indien nodig. Het Audit- en Risicocomité rapporteert hierover aan de Raad van Bestuur.
Productontwerp en kwaliteit
Ontex' reputatie als zakenpartner is sterk afhankelijk van haar vermogen om innovatie en kwaliteitsproducten te leveren. In het geval van kwaliteitsproblemen zijn er mogelijke gevolgen op de gezondheid van de consument, op verlies van marktaandeel, op financiële kosten, op verminderde omzet en op reputatieschade van Ontex. Aangezien Ontex te maken heeft met concurrentie op het gebied van productie-innovatie, is een snelle marktintroductietijd essentieel voor het concurrentievermogen. Het niet tijdig genereren van innovatieve producten of een ontoereikende keuze van nieuwe productiemethoden, technologie of structureel herontwerp van onze grondstofcomponenten kan leiden tot verlies van marktaandeel. Het kan ook leiden tot onrendabele onderzoeks- en ontwikkelingskosten of een gebrek om in te kunnen spelen op de eisen van de klant.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Risicobeheer
Risicobeoordelingen worden uitgevoerd voor alle Ontex-producten en zijn gericht op het identificeren en beheersen van risico's die van invloed kunnen zijn op de productprestaties en productveiligheid. Het kwaliteitssysteem van Ontex biedt tools en mogelijkheden binnen de organisatie om die risico's te evalueren en te beheersen. De organisatie en vestigingen van Ontex werken proactief door voortdurend gebruik te maken van de input van klanten en de markt in het algemeen om producten en processen te verbeteren om problemen te voorzien of te verhelpen die mogelijk van invloed kunnen zijn op de tevredenheid van de consument.
- Ontex heeft haar teams samengevoegd tot een afdeling Quality & Regulatory Affairs om allesomvattend deugdelijk bestuur, gestroomlijnde processen en consistente standaarden te realiseren die de compliance versterken, evenals operationele en regelgevende risico's verminderen en de algehele prestaties verbeteren.
- Ontex heeft een effectief kwaliteitsmanagementsysteem geïmplementeerd. Het legt de eisen vast van klanten en van de verschillende regelgeving die van toepassing is. Het is een allesomvattende aanpak waarbij wordt gekeken naar elk van de belangrijkste processen van Ontex. Controles en metingen sturen de procesefficiëntie.
- De samenwerking met gedefinieerde Single Persons of Contact (SPOC) levert een belangrijke bijdrage aan de implementatie en helpt alle Ontex-mensen in elke afdeling om bij te dragen aan het continue verbeteringsproces van het kwaliteitsmanagementsysteem door training en begeleiding te bieden.
- Een vernieuwde procesvalidatie (Process Validation 2.0) om ervoor te zorgen dat productkwaliteit consistent wordt geproduceerd.
Innovatie is een van de belangrijkste strategische pijlers bij Ontex, waarbij ernaar gestreefd om de juiste product- en verpakkingsinnovatie op het juiste moment te ontwikkelen en te leveren, geïnspireerd door de behoeften van klanten en consumenten, met duurzaamheid in het achterhoofd. Ontex' innovatieve producten komen voort uit grondig onderzoek naar markttrends, klant- en consumenteninzichten, de expertise van haar ingenieurs en vooral de creatieve bijdragen van haar getalenteerde team. Deze werken ook samen met partnerorganisaties, waaronder toonaangevende universiteiten, laboratoria, instituten, startups en onderzoeksorganisaties om ervoor te zorgen dat Ontex voorop loopt bij verandering voortkomen uit markttendensen en -evolutie.
Beschikbaarheid van grondstoffen en prijsvolatiliteit
Ontex is afhankelijk van de beschikbaarheid van grondstoffen voor de productie van haar producten. Gemiddeld zijn de belangrijkste grondstof- en verpakkingskosten goed voor 75% tot 80% van de verkoopkosten. Grondstoffen zijn onderhevig aan prijsvolatiliteit als gevolg van een aantal factoren die buiten Ontex' controle liggen, waaronder, maar niet beperkt tot, de beschikbaarheid van het aanbod, algemene economische omstandigheden, schommelingen in de grondstoffenprijzen en de marktvraag.
Schaarste in het aanbod van grondstoffen of transport schaarste kan leiden tot (tijdelijke) onbeschikbaarheid van grondstoffen en kan de continuïteit van Ontex' bevoorradingsketen aantasten. De kans dat deze gebeurtenissen zich voordoen neemt toe als gevolg van klimaatverandering, strengere wettelijke vereisten of als gevolg van politieke instabiliteit.
Risicobeheer
De continuïteit van Ontex' bevoorradingsketen wordt op tal van manieren gewaarborgd, waaronder:
- Voor de meeste grondstoffen zijn meerdere bronnen beschikbaar en gevalideerd;
- Strategische allianties met de belangrijkste leveranciers zijn opgezet, wat resulteert in contracten voor de lange termijn met prioritaire toegang voor contractuele volumes;
- Flexibiliteit van onze volumetoewijzingen is ingebouwd in de contracten;
- Alternatieve materialen zijn gevalideerd voor gebruik in geval van tekorten;
- Geografische diversificatie van de leveranciers en bronnen die de lokale/regionale volatiliteit compenseren;
- De mogelijkheid van financiële afdekking van de belangrijkste strategische materialen; en
- Natuurlijke afdekking via leveranciers, waar mogelijk ontkoppeling van indices.
Leveringsverbintenissen met klanten
Aangezien Ontex de ambitie heeft om verder te groeien, zal het van vitaal belang zijn, om in de ontplooiing van haar strategie, trouw te blijven aan de volumeverbintenissen die gemaakt worden met klanten. Indien Ontex niet langer zouden kunnen voldoen aan deze verbintenissen door operationele onderbreking, toeleveringsproblemen, personeelstekort of onverwachte
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
externe factoren, zou dit kunnen leiden tot financiële boetes, reputatieschade en verlies van toekomstige zaken.
Risicobeheer
Het beperken van risico met betrekking tot leveringsverbintenissen aan klanten vereist een combinatie van proactieve planning, procesoptimalisatie en robuuste noodmaatregelen, zoals:
- Verbetering van de toeleveringsketen door de leveranciersbasis te diversifiëren en zodoende niet te afhankelijk te zijn van één leverancier (zie ook de vorige deel over Inkoop). Daarnaast zal Ontex gebruik maken van technologie om haar prognoses, planning en beheer te verbeteren
- Operationele efficiëntie en optimalisatie van de activiteiten om te kunnen voldoen aan de toeleveringsverbintenissen
- Ontwikkeling en continue onderhoud en testen van een Bedrijfscontinuïteitsplanning (zie ook de deel rond Catastrofale schade)
- Het op peil brengen van voorraden om verstoringen in het serviceniveau te minimaliseren en productieplannen te stabiliseren.
- Het Sales & Operations Execution-proces om de cross-functionele samenwerking te verbeteren, waardoor serviceniveaurisico's beter kunnen worden voorspeld en de snelheid van probleemoplossing verhoogd wordt.
- Herziening van processen en Ways of Working om de vraag- en aanbodplanning op korte termijn te verbeteren.
GOV-8.9.3 Bestuursrisico's
Duurzaamheidsrisico
Ontex loopt het risico niet tijdig te kunnen inspelen op de klimaat- en milieuverwachtingen en -eisen van consumenten, overheden en andere belanghebbenden. Ontex heeft bepaalde gevoelige grondstoffen zoals papierpulp en kunststoffen nodig om zijn producten te vervaardigen en Ontex produceert afgewerkte wegwerpproducten waarvan de impact op het milieu niet kan worden genegeerd. Ontex loopt het risico marktaandeel te verliezen als de verwachtingen van de belanghebbenden niet kunnen worden ingelost tegen een concurrentiële prijs. Bovendien kan nieuwe regelgeving de kosten van zakendoen verhogen of leiden tot wettelijke boetes of belastingen.
Risicobeheer
In 2024 werd Duurzaamheidstrategie 2030 van Ontex geactualiseerd en de bijbehorende (wetenschappelijk onderbouwde) doelstellingen werden bepaald om duurzaamheidsgerelateerde risico's aan te pakken. Via de dubbele materialiteitsbeoordeling werden acties geïdentificeerd, geprioriteerd, beoordeeld en opgezet om duurzaamheidsgerelateerde risico's te beheren. Gedetailleerde informatie omtrent de dubbele materialiteitsbeoordeling kan gevonden worden in de Duurzaamheidsverklaringen. De belangrijkste risico's voor Ontex zijn productveiligheid, producten en verpakkingen die bijdragen aan vervuiling en de klimaatverandering.
Ontex ondervindt momenteel geen substantiële financiële gevolgen van klimaatverandering voor haar activiteiten (Scope 1 en 2-uitstoot), vanwege het relatief lage energieverbruik in de fabrieken en het geldende klimaatprogramma. Als men de uitstoot van de waardeketen (Scope 3) beschouwd, kunnen er financiële gevolgen zijn als gevolg van wetgeving. Om deze effecten te begrijpen, werd een beoordeling van klimaatscenario's uitgevoerd.
Duurzaamheidsgerelateerde risico's worden op verschillende manieren beheerd, waaronder:
- Transparantie creëren: monitoring van duurzaamheidsgegevens in Ontex' fabrieken en toeleveringsketen om te begrijpen waar negatieve milieu- en sociale effecten (kunnen) plaatsvinden, en interne en externe communicatie over dergelijke effecten.
- Preventieve acties: milieu- en sociale beheersystemen in de fabrieken, milieu- en sociale risicobeoordelingen in de toeleveringsketen, investeringen in energie-efficiëntie, hernieuwbare zonne-energie, koolstofreducties geïntegreerd in Ontex' bonusregeling, continue monitoring van de klanteneisen, inclusief duurzaamheid in productontwerp, enz.
- Risicobeperkende maatregelen: Duurzaamheidsbeleid- en procedures beschrijven hoe men omgaat met (potentiële) negatieve effecten. Daarnaast bevat de duurzaamheidsstrategie van Ontex duidelijke doelstellingen om de impact op het klimaat te verminderen en te werken aan circulaire oplossingen, zoals bijvoorbeeld gerecycleerde inhoud in verpakkingen.
Het thema duurzaamheid blijft hoog op de agenda staan van onze strategiebepaling en budgetbesprekingen. In de loop van 2026 worden de volgende aandachtsgebieden voortgezet:
• Vooruitgang boeken met Ontex' duurzaamheidsdoelstellingen voor 2030, gericht op het bereiken van de wetenschappelijk onderbouwde doelstellingen op klimaatvlak en het
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
verkleinen van de ecologische voetafdruk van Ontex' producten en tegelijkertijd waarde toevoegen voor de consument.
- Het beoordelen van de duurzaamheidsvereisten die van invloed zijn op Ontex en het opstellen van een implementatie stappenplan om ervoor te zorgen dat er voldaan wordt aan de komende regelgeving.
- Het communiceren van duurzaamheidsprestaties aan consumenten via milieukeurmerken die koolstof- en plasticvoetafdrukbeoordelingen gebruiken, en aan investeerders door antwoorden op vragenlijsten van investeerders te verbeteren en door de voortdurende dialoog met die investeerders te onderhouden.
- Verbetering van de transparantie door middel van beoordelingen van klimaatscenario's en voortdurende vooruitgang op het gebied van zorgvuldigheid in de toeleveringsketen.
- Versterking van geïntegreerd beheer, instrumenten en processen om de preventie en het beheer van de risico's te waarborgen.
- Ervoor zorgen dat Ontex' infrastructuur de duurzaamheidsdoelstellingen voor 2030 mogelijk maakt, gefaciliteerd door samenwerking en partnerschappen.
Zoals vermeld in deel GOV.8.3, gaat het Uitvoerend Comité dieper in op bepaalde duurzaamheidsgerelateerde onderwerpen, waaronder klimaatverandering. Deze beoordelingen gaan dieper in op de mogelijke gevolgen van duurzaamheidskwesties, waaronder klimaatverandering, voor Ontex' activiteiten, haar toeleveringsketen en het bredere ondernemingsklimaat. De duurzaamheidsverklaringen dienen als kritische referentie voor duurzaamheidsrisico's, door inzicht te geven in mitigatiestrategieën, veerkrachtmaatregelen en duurzaamheidsdoelstellingen voor de lange termijn. Door duurzaamheidsrisico's op te nemen in het risicobeheerkader, wordt het vermogen verbeterd om proactief opkomende bedreigingen inzake duurzaamheidskwesties te identificeren, te beoordelen en te beheren. Het Audit- en Risicocomité is verantwoordelijk voor ESG rapportage en het monitoren van duurzaamheidsgerelateerde risico's.
Meer informatie over de verschillende risico's en kansen op het gebied van duurzaamheid (waaronder klimaatverandering) en de uitkomst van de scenariobeoordeling is te vinden in de Duurzaamheidsverklaringen.
Betrokkenheid van medewerkers en bedrijfscultuur
Een bekwaam en gemotiveerd personeelsbestand, in combinatie met een wendbare organisatie, is noodzakelijk voor het voortdurende succes van het bedrijf. Het niet identificeren, aantrekken, ontwikkelen en behouden van talenten om aan de huidige en toekomstige behoeften van het bedrijf te voldoen, kan van invloed zijn op Ontex' vermogen om te concurreren. De gezondheid en veiligheid van Ontex' personeel is van het grootste belang voor het handhaven van effectieve activiteiten, in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving, om een aantrekkelijke werkgever te blijven en reputatierisico's te vermijden. Als er niet voldoende talent wordt geworven en behouden, of als er geen hoge normen op het gebied van gezondheid en veiligheid worden gehandhaafd, kan dit leiden tot een achteruitgang van de bedrijfsprestaties. Met de verhoogde ratio thuiswerk kunnen mensen de verbinding verliezen, wat leidt tot ondermaatse prestaties of mentale vermoeidheid. Het beschermen en motiveren van medewerkers is cruciaal om hun deskundigheid en motivatie te waarborgen.
Risicobeheer
Ontex en haar activiteiten en HR-functie zetten zich in voor het creëren en behouden van een gezonde, veilige en motiverende werkomgeving, naast het leveren van professionele HRdiensten. Dit vertaalt zich in initiatieven om de mentale en fysieke gezondheid, veiligheid en welzijn te waarborgen en te verbeteren, initiatieven om werknemers en het topmanagement beter met elkaar in contact te brengen en werknemers te informeren over de strategie en prioriteiten van het bedrijf, lokale initiatieven om een leuke werksfeer te creëren om verbinding en een gemeenschapsgevoel te verbeteren, initiatieven ter bevordering van een cultuur van frequente feedback, met inbegrip van enkele lokale erkenningsinitiatieven, en initiatieven om nieuw talent aan te trekken en bestaand talent te ontwikkelen; en
Om de betrokkenheid van medewerkers te ondersteunen, voert Ontex twee keer per jaar een enquête uit, waaronder de Ontex Engagement Index. Op basis daarvan wordt per locatie een actieplan opgesteld en uitgevoerd.
Om de bedrijfscultuur te versterken, heeft Ontex een DEI-strategie en actieplan ingevoerd, en zijn de PRIDE-waarden geïntegreerd in de jaarlijkse prestatiebeoordeling. Daarnaast viert Ontex jaarlijks zijn PRIDE Champions via een bedrijfsbrede award-ceremonie en via lokale programma's voor erkenning van de PRIDE-waarden. Het Uitvoerend Comité volgt de inspanningen van Ontex op het vlak van menselijk kapitaal, talent management, retentie en gezondheid en veiligheid op de voet, en deze onderwerpen staat regelmatig op de agenda. Daarnaast wordt het Remuneratie- en Benoemingscomité (dat rapporteert aan de Raad van Bestuur) regelmatig op de hoogte gebracht van de inspanningen van Ontex op deze vlakken, zowel op directieniveau als voor de bredere organisatie.
Meer informatie kan gevonden worden in deel SUS-4.1.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Desinvesteringen
Als onderdeel van de strategie die in december 2021 werd aangekondigd, heeft Ontex zijn activiteiten in opkomende markten in Mexico, Brazilië, Turkije, Algerije en Pakistan afgestoten, samen met de bijbehorende exportmarkten. Elk van deze desinvesteringen is inmiddels afgerond en de netto-opbrengsten zijn ontvangen, met uitzondering van enkele kleinere uitgestelde betalingen.
Ondanks de afronding van deze transacties blijft er echter een risico na voltooiing bestaan, voortvloeiend uit gebruikelijke toezeggingen aan de kopers en mogelijke claims door de kopers of andere derden in verband met de afgestoten activa.
GOV-8.9.4 Juridische en financiële risico's
Intellectuele eigendom
Hoewel veranderingen in intellectuele eigendomsrechten en gerelateerde juridische ontwikkelingen in de gaten worden gehouden, kan het gebeuren dat er onbedoeld inbreuk wordt gemaakt op intellectuele eigendomsrechten van derden of op de toepasselijke wetgeving. Ook bestaat het risico dat Ontex haar intellectuele eigendomsrechten niet tijdig registreert of verdedigt. Als mogelijk gevolg hiervan kan Ontex te maken krijgen met juridische claims, verplicht worden om royalty's te betalen of andere gevolgen ondervinden die haar winstmarges kunnen uithollen of andere negatieve gevolgen kunnen hebben voor haar activiteiten of reputatie.
Risicobeheer
Intellectueel eigendom gaat hand in hand met innovatie als een van de strategische pijlers van Ontex en is een belangrijke factor voor het vermogen van het bedrijf om de juiste product- en verpakkingsinnovatie op het juiste moment te ontwikkelen en te leveren. Ontex voert regelmatig externe screening van intellectuele eigendomsrechten en juridische analyses uit, en blijft ook haar toonaangevende intellectuele eigendom-portefeuille in het retail-segment van de persoonlijke hygiëne uitbreiden.
Liquiditeit en hefboomratio
Ontex heeft voldoende liquiditeit nodig om zijn activiteiten te financieren, te investeren in infrastructuur, apparatuur en productinnovatie, en om het werkkapitaal te financieren dat nodig is om de onderneming te laten groeien. De liquiditeit wordt veiliggesteld via twee complementaire middelen: positieve kasstromen enerzijds en een evenwichtige financieringsstructuur anderzijds. Hiertoe heeft Ontex een hoogrentende obligatie, een wentelkredietfaciliteit (zie toelichting FIN-4.17) en een factoring overeenkomst (zie toelichting FIN-4.13) opgezet. Het gebruik van deze faciliteiten kan onderworpen zijn aan bepaalde financiële ratio's of convenanten; bijvoorbeeld voor de wentelkredietfaciliteit is een maximale hefboomratio vastgelegd. De vervaldagen van deze schuldinstrumenten moeten voldoende ver in de toekomst liggen om herfinancieringsrisico's in verband met marktomstandigheden of bedrijfssituaties te vermijden. Ontex behoudt een sterke liquiditeitspositie met voldoende ruimte om zijn activiteiten te voeren binnen de huidige kredietfaciliteiten (zie toelichting FIN-4.5.8). Het management streeft naar het genereren van een positieve vrije kasstroom en het aanhouden van voldoende marge op de convenanten.
Niettegenstaande kan het nog steeds dat de hierboven beschreven risico's druk zetten op de resultaten van Ontex. Bijgevolg zullen zowel de hefboomratio als de liquiditeit een focuspunt blijven, omdat een negatieve evolutie mogelijks het financiële risico voor leveranciers, klanten, kredietverleners en investeerders zou kunnen verhogen.
Risicobeheer
Het op een duurzaam niveau aanhouden van de financiële schuld van Ontex is een belangrijk criterium in de kapitaalallocatie van Ontex. Dit kan worden gemeten met de hefboomratio. In dit kader werden de opbrengsten van de verkoop van de Emerging Markets bedrijfsactiviteiten in de voorbije jaren bijna volledig gebruikt om de balans te ontladen.
Gedetailleerde rapportage en prognoses voor de liquiditeit en hefboomratio zijn opgezet. Er werden initiatieven geïntroduceerd om meer focus op het werkkapitaal te leggen. Netto-omzet, aangepaste EBITDA, netto werkkapitaal en vrije kasstroom (cash conversie cyclus) maken deel uit van de bonusmaatstaven in de hele organisatie. Die statistieken worden bewaakt door verschillende lagen in de organisatie door middel van gedisciplineerde rapportage en sturing om eventuele negatieve afwijkingen van het plan/de prognoses te beoordelen en ervoor te zorgen dat de beoogde verbeteracties worden gerealiseerd.
Ontex heeft voldoende kredietfaciliteiten verzorgd om haar liquiditeitsnoden te financieren. In november 2024 werd een nieuwe wentelkredietfaciliteit aangegaan, met een duurtijd van vijf jaar en een bedrag van 270 miljoen €. In 2025 heeft Ontex ook een hoogrentende obligatie uitgebracht van 400 miljoen € met vervaldatum medio 2030, en de bestaande hoogrentende obligatie van €580 miljoen €, die medio 2026 zou vervallen, terugbetaald. Zodoende is er voldoende financiering voorzien voor de komende jaren.
GOV-9 Remuneratieverslag
GOV-9.1 Inleiding
GOV-9.1.1 Remuneratiebeleid
In 2025 paste de Vennootschap haar Remuneratiebeleid toe, dat voor het laatst werd herzien bij besluit van de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van 5 mei 2025. Het doel van het herziene Remuneratiebeleid blijft om het management sterk stimuleren om de voortdurende ommekeer van de Vennootschap te versnellen door de afstemming tussen de beloning van de leden van het Uitvoerend Comité en het aandeelhoudersrendement te versterken.
De wijzigingen in het Remuneratiebeleid die tijdens de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van 5 mei 2025 werden goedgekeurd, omvatten onder meer (i) de invoering van een restricted share unit ("RSU") plan voor bestuurders, waardoor bestuurders met ingang van 1 januari 2025 een deel van hun beloning in de vorm van RSU's ontvangen, in overeenstemming met de aanbevelingen van de Corporate Governance Code 2020, en (ii) de invoering van de mogelijkheid voor de Raad om leden van het Uitvoerend Comité een optie te verlenen om de onvoorwaardelijke toekenning van hun performance share units (PSU's) in het kader van het langetermijnbeloningsplan Value Creation Projects 2023-2025 van de Vennootschap en de daarmee samenhangende prestatietest met één jaar uit te stellen.
Voor meer details, raadpleeg het Remuneratiebeleid (versie 2025) zoals opgenomen op de website van het bedrijf: https://ontex.com/investor-relations/corporate-governance.
GOV-9.1.2 Samenstelling van het Uitvoerend Comité
In 2025 zijn er geen wijzigingen geweest in de samenstelling van het Uitvoerend Comité.
GOV-9.1.3 Belangrijkste punten en beloningsresultaten
Voor het boekjaar 2025 zijn de volgende financiële en niet-financiële prestatieresultaten relevant voor de 2025 STI, zoals verder uiteengezet in dit Remuneratieverslag:
- De omzet voor de totale groep bedroeg €1,757.2 miljoen op basis van de wisselkoers die voor het budget werd vastgesteld (vergeleken met een doelstelling van €1,950.2 miljoen).
- De aangepaste EBITDA voor de totale groep bedroeg €175.6 miljoen (vergeleken met een doelstelling van €245 miljoen).
- De Cash Conversion Cycle was 51,8 dagen (vergeleken met een doelstelling van 47,1 dagen).
- Scope 1 & 2 BKG-uitstoot [18] daalde met -38,6% (vergeleken met een doelstelling van -3,8%).
- Scope 3 BKG-uitstoot daalde met -8,6% (vergeleken met een doelstelling van -2,6%).
- De ongevallenfrequentiegraad (percentage vermindering van arbeidsongevallen) daalde met -27% (vergeleken met een doelstelling van -30%).
Deze financiële en niet-financiële KPI's, samen met de persoonlijke leiderschapsfactor (zie verder in dit Beloningsrapport), resulteerden in uitbetalingen onder de STI die beneden de doelstelling lagen: een gemiddelde van 22,6% van de doelstelling voor de leden van het Uitvoerend Comité. De details van de berekening van de STI-bonus zijn te vinden in deel GOV-9.3.
GOV-9.1.4 2025 Remuneratieverslag
Het Remuneratieverslag van de Vennootschap met betrekking tot het financiële jaar 2024 werd goedgekeurd door 98,6% van de uitgebrachte stemmen tijdens de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering op 5 mei 2025. De Raad beschouwt dit als een goedkeuring van de transparantie van de Vennootschap op het gebied van beloningskwesties. De Raad blijft openstaan voor verdere feedback van de aandeelhouders en andere belanghebbenden van het bedrijf met betrekking tot het onderwerp van dit verslag.
[18] BKG of BroeiKasGas-uitstoot, uitgedrukt in ton CO2 equivalenten
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-9.2 2025 Bezoldiging van de Bestuurders
Alle leden van de Raad zijn Niet-uitvoerende Bestuurders. Tijdens het boekjaar 2025 werden onze bestuurders vergoed via een combinatie van een vaste jaarlijkse vergoeding die in contanten werd betaald, een vaste jaarlijkse toekenning van RSU's (die met terugwerkende kracht werd ingevoerd vanaf 1 januari 2025), evenals presentiegelden die afhankelijk zijn van het aantal vergaderingen van de Raad van Bestuur en de comités waaraan de betreffende bestuurder heeft deelgenomen (met uitzondering van bepaalde ad-hocvergaderingen van de Raad van Bestuur en de bestuurscomités waarvoor geen afzonderlijk presentiegeld werd betaald).
Bestuurders ontvingen geen andere variabele beloning, noch andere voordelen of pensioenbijdragen.
Gedurende 2025 vonden dertien vergaderingen van de Raad plaats (vergeleken met tien in 2024), zeven vergaderingen van de Audit- en Risicocomité (vergeleken met zes in 2024) en elf vergaderingen van de Remuneratie- en Benoemingscomité (vergeleken met vier in 2024). De totale contante beloning van de bestuurders in 2025 was 7.22% lager dan in 2024. Naast deze contante vergoeding hebben de bestuurders, zoals hierboven vermeld en in overeenstemming met het Remuneratiebeleid (versie 2025), ook een toekenning van RSU's ontvangen (en aanvaard) (zoals verder uiteengezet in dit verslag).
De samenstelling van de Raad onderging de volgende veranderingen in 2025:
- De jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van 5 mei 2025 besloot (i) de herbenoemingen goed te keuren van Michael Bredael, HVV GmbH, met Jesper Hojer als vaste vertegenwoordiger en Rodney Olsen (elk als niet-uitvoerend bestuurder), (ii) de benoemingen goed te keuren van Julie Hamilton and ACACIA I BV, met Els Verbraecken als vaste vertegenwoordiger (beiden als onafhankelijk bestuurder), allen voor een periode die eindigt onmiddellijk na de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van de Vennootschap die de goedkeuring van de jaarrekening van de Vennootschap voor het financiële jaar eindigend op 31 december 2028 zal overwegen; en
- De mandaten van Isabel Hochgesand en MJA Consulting BV, met Manon Janssen als vaste vertegenwoordiger, eindigden meteen na de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering die plaatsvond op 5 mei 2025.
De vergoeding die aan de bestuurders werd betaald tijdens het financiële jaar 2025 wordt weergegeven in de onderstaande tabel.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Naam | Mandaat | Vastevergoeding(in €) | Vastejaarlijkse RSUvergoeding [19] | #Vergaderingenvan de Raadbijgewoond | Vergoedingbijgewoondevergaderingenvan de Raad(in €) | # R&B comitévergaderingenbijgewoond | VergoedingbijgewoondeR&B-comitévergaderingen(in €) | # A&R-Comitévergaderingenbijgewoond | VergoedingbijgewoondeA&R Comité(in €) | Totalevergoedingenvoor 2025(in €) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ViaBylity BV,vast vertegenwoordigd doorHans Van Bylen | Voorzitter van de Raad,Voorzitter van het R&Bcomité, onafhankelijkbestuurder | 210.000 | 64.000 | 13/13 | 5.000 | 11/11 | 5.000 | 7/7 | 2.500 | 370.250 |
| Ebrahim Attarzadeh | Niet-uitvoerendbestuurder | 60.000 | 12.000 | 12/13 | 2.500 | 11/11 | 2.500 | n.v.t. | n.v.t. | 112.000 |
| Inge Boets BV,vast vertegenwoordigd doorInge Boets | Voorzitster van het A&Rcomité, onafhankelijkbestuurder | 70.000 | 12.000 | 13/13 | 2.500 | n.v.t. | n.v.t. | 7/7 | 5.000 | 130.750 |
| Michael Bredael | Niet-uitvoerendbestuurder | 60.000 | 12.000 | 13/13 | 2.500 | n.v.t. | n.v.t. | 7/7 | 2.500 | 107.000 |
| [20]Isabel Hochgesand | Onafhankelijk bestuurder | 20.000 | n.v.t. | 4/5 | 2.500 | 2/3 | 2.500 | n.v.t. | n.v.t. | 31.250 |
| HVV GmbH,vast vertegenwoordigd doorJesper Hojer | Niet-uitvoerendbestuurder | 60.000 | 12.000 | 11/13 | 2.500 | 9/11 | 2.500 | n.v.t. | n.v.t. | 107.000 |
| MJA Consulting BV,vast vertegenwoordigd door[21]Manon Janssen | Onafhankelijk bestuurder | 20.000 | n.v.t. | 4/5 | 2.500 | 3/3 | 2.500 | n.v.t. | n.v.t. | 32.500 |
| Rodney Olsen | Niet-uitvoerendbestuurder | 60.000 | 12.000 | 13/13 | 2.500 | n.v.t. | n.v.t. | 7/7 | 2.500 | 107.000 |
| Julie Hamilton | Onafhankelijk bestuurder | 40,000 | 7.923 | 8/8 | 2.500 | 7/8 | 2.500 | n.v.t. | n.v.t. | 72.923 |
| ACACIA I BV,vast vertegenwoordigd doorEls Verbraecken | Onafhankelijk bestuurder | 40,000 | 7.923 | 8/8 | 2.500 | 8/8 | 2.500 | 3/3 | 2.500 | 81.673 |
[19] Zoals vermeld introduceerde het Remuneratiebeleid (versie 2025) een RSU-plan op basis waarvan de Niet-Uitvoerende Bestuurders van de Vennootschap onder andere worden beloond met een vast jaarlijks bedrag aan RSU's met ingang vanaf 1 januari 2025. Het RSU-gedeelte komt overeen met ongeveer 20% van de vaste jaarlijkse vergoeding van een Niet-Uitvoerend Bestuurder. De toekenning van RSU's vindt plaats aan het begin van het mandaat (voor de gehele duur van het mandaat van een niet-uitvoerend bestuurder), of, indien de toekenning van RSU's plaatsvindt tijdens een lopend mandaat (wat het geval was voor alle niet-uitvoerend bestuurders behalve Julie Hamilton en ACACIA I BV, met Els Verbraecken als vaste vertegenwoordiger), voor de rest van het mandaat (naar rato aangepast). Daar de mandaten van Julie Hamilton en ACACIA I BV, met Els Verbraecken als vaste vertegenwoordiger, op 5 mei 2025 zijn ingegaan, wordt de waarde van hun jaarlijkse RSU-aanspraak voor 2025 vastgesteld op basis van een evenredige tijdsberekening (voor de periode tussen 5 mei 2025 en 31 december 2025).
[20] Het mandaat van mevrouw Isabel Hochgesand als lid van de Raad en het Remuneratie- en Benoemingscomité eindigde met ingang vanaf 5 mei 2025.
[21] Het mandaat van mevrouw Manon Janssen als lid van de Raad en het Remuneratie- en Benoemingscomité eindigde met ingang vanaf 5 mei 2025.
GOV-9.3 2025 Beloning van de leden van het Uitvoerend Comité
GOV-9.3.1 Inleiding
Er waren geen wijzigingen in de samenstelling van het Uitvoerend Comité.
GOV-9.3.2 Samenvatting van de totale beloning
De totale beloning betaald aan de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité over het boekjaar 2025 is samengevat in onderstaande tabel (alle bedragen in €):
| Vaste beloning | Variabele beloning | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Leden van het Uitvoerend Comité | Basissalaris | Andereuitkeringen | Voor éénjaar | Voor meerdere jaren | Uitzonderlijkevergoedingen | Pensioenbijdragen | Totalebeloning |
| Calvo Paz, Gustavo (CEO) | 900,000 | 97,838 | 121,500 | 0 | 0 | 187,920 | 1,307,258 |
| Overige leden van het Uitvoerend Comité | 2,845,077 | 672,907 | 173,179 | 576,577 | 0 | 249,108 | 4,516,848 |
Het relatieve aandeel van de verschillende beloningscomponenten in de totale beloning betaald aan zowel de CEO als de andere leden van het Uitvoerend Comité is hieronder weergegeven.
| Totale beloning | CEO | Overige |
|---|---|---|
| Vaste beloning als % van de totale beloning | 91% | 83% |
| Variabele beloning als % van de totale beloning | 9% | 17% |
| Uitzonderlijke beloning als % van de totale beloning | 0% | 0% |
Vaste beloning
Basisbeloning
In lijn met het Remuneratiebeleid van de Vennootschap, is het basissalaris van de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité afgestemd op een benchmark die de mediane beloning vertegenwoordigt van een Europese groep van vergelijkbare bedrijven in de sector van persoonlijke verzorging en huishoudelijke producten. Het basissalaris bleef ongewijzigd, in overeenstemming met het Remuneratiebeleid van de Vennootschap om het basissalaris gedurende drie jaar vast te houden (behalve in het geval van een substantiële wijziging in verantwoordelijkheden, een significante verandering in de algemene economische omstandigheden of een disbalans ten opzichte van de mediaan van de peer groep).
Andere voordelen
Andere voordelen voor de leden van het Uitvoerend Comité zijn onder meer de kosten van medische, levens- en arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en het gebruik van een bedrijfswagen.
Variabele beloning
Eén jaar variabel (STI)
De bonus voor de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité voor 2025 is bepaald op basis van een set financiële (Omzet, Aangepaste EBITDA en Cash conversion cycle) en nietfinanciële KPI's.
Voor de financiële KPI Sales werd de drempelprestatie vastgesteld op 92,5% van het doel, met een bonus van maximaal 100% van het doel bij het behalen van de doelstelling, en een maximum van 200% van de doelbonus bij een prestatie van 110% van het doel of meer. Voor de financiële KPI EBITDA werd de drempelprestatie vastgesteld op 87,5% van het doel, met een bonus van maximaal 100% van het doel bij het behalen van de doelstelling, en een maximum
Commissaris Informatie over dit rapport
van 200% van de doelbonus bij een prestatie van 112,5% van het doel of meer. Voor de financiële KPI Cash Conversion Cycle werd de drempelprestatie vastgesteld op 96% van het doel, met een bonus van maximaal 100% van het doel bij het behalen van de doelstelling, en een maximum van 200% van de doelbonus bij een prestatie van 104,3% van het doel of meer.
Voor de niet-financiële KPI's worden de drempel-, doel- en maximale waarden jaarlijks vastgesteld door de Raad, naar eigen inzicht en op aanbeveling van de Remuneratie- en Benoemingscomité, afhankelijk van de aard van de betreffende KPI.
Bovendien wordt een "persoonlijke leiderschapsmultiplier" toegepast op basis van de individuele leiderschapsprestatie en de impact op mensen van het betreffende lid van het Uitvoerend Comité, zoals uitgelegd in het Remuneratiebeleid van de Vennootschap.
Voor 2025 was het respectieve gewicht van de financiële en niet-financiële KPI's als volgt:

Naast de CEO zijn de Groep Executives de Chief Financial Officer, Chief Supply Chain Officer, Chief Innovation & Sustainability Officer en Chief HR & Legal Officer. De Divisieleiders zijn de President van de Europese Divisie en de President van de Noord-Amerikaanse Divisie.
Begunstigde Financiële prestaties Groep Financiële prestaties divisie ESG prestaties CEO en leden van het Uitvoerend Comité met Groepsverantwoordelijkheid 80% - 20% Division Presidents 40% 50% 10%
Voor 2025 waren de specifieke financiële en niet-financiële KPI's, en hun respectievelijk gewicht, als volgt:

KPI's, gewicht en doelstellingen voor de financiële prestaties van de Groep en de Divisie voor 2025
De KPI's voor de Groep Financiële Prestaties 2025 en de Divisie Financiële Prestaties 2025 waren 'Sales', 'EBIT(DA)' en 'Cash Conversion Cycle'. Deze KPI's voor 2025 werden als volgt gemeten:
2025 prestatiecriteria voor CEO en Groep executives 2025 prestatiecriteria voor Division Presidents
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
- "Omzet": totale omzet (op groepsniveau voor Groep Financiële Prestaties en op divisieniveau voor Divisie Financiële Prestaties).
- "Aangepaste EBIT(DA)": de aangepaste EBIT(DA) (Aangepaste EBITDA op groepsniveau volgens de financiële resultaten van het bedrijf in het Jaarverslag voor Groep Financiële Prestaties en EBIT op divisieniveau voor Divisie Financiële Prestaties).
- "Cash Conversion Cycle" ('CCC'): dagen verkoop openstaand + dagen voorraad openstaand – dagen te betalen openstaand (op groepsniveau voor Groep Financiële Prestaties en op divisieniveau voor Divisie Financiële Prestaties). Deze KPI werd maandelijks gemeten en gemiddeld over 12 maanden.
Op Groepsniveau waren de doelstellingen en uiteindelijk behaalde KPI's voor 2025 als volgt:
| Groepsresultaat | Omzet | Aangepaste EBITDA | CCC |
|---|---|---|---|
| (2025) | (in miljoen€) | (in miljoen€) | (in dagen) |
| Doelstelling | 1;950,2 | 245,0 | 47,1 |
| [22]Behaald resultaat | 1,757.2 | 175.6 | 51,8 |
Op basis van de doel-KPI's en de werkelijke resultaten voor de Groep Financiële Prestaties 2025 en de Divisie Financiële Prestaties 2025, was de gemiddelde uitbetalingsratio ten opzichte van het doel voor de leden van het Uitvoerend Comité O% voor elk van de financiële KPI's.
KPI's, weging en doelstellingen voor niet-financiële prestaties voor 2025
De KPI's voor de Niet-Financiële Prestaties 2025 waren "BKG-uitstoot (Scope 1 & 2)", "BKGuitstoot (Scope 3)" en "Ongevallenfrequentiegraad". Deze KPI's werden als volgt gemeten:
- "BKG-uitstoot(Scope1 & 2)": percentage reductie van de CO2 equivalente uitstoot in Scope 1 & 2.
- "BKG-uitstoot (Scope 3)": percentage reductie van de CO2 equivalente uitstoot in Scope 3.
- "Ongevallenfrequentiegraad": percentage reductie van arbeidsongevallen.
Voor 2025 waren de doelstellingen voor de Niet-Financiële Prestaties KPI's als volgt:
• "BKG-uitstoot (Scope 1 & 2)": reductie van 3,8%
• "BKG-uitstoot (Scope 3)": reductie van 2,6%.
• "Ongevallenfrequentiegraad": reductie van 30%
| Groepsprestaties(2024) | BKG-uitstootScope1 & 2 | BKG-uitstootScope3 | Ongevallenfrequentiegraad |
|---|---|---|---|
| Doelstelling | -3,8% | -2,6% | -30% |
| [23]Behaald resultaat | -38,6% | -8,6% | -27% |
KPI's, gewicht en doelstellingen voor de multiplicator voor persoonlijk leiderschap voor 2025
Voor 2025 heeft de beoordeling van de prestaties inzake persoonlijk leiderschap geleid tot een resultaat op een vijfpuntenschaal, met een vermenigvuldiging op het jaarlijkse bonusbedrag als volgt:
| Leadership Performance | Multipliereffect |
|---|---|
| 1 (voldeed niet aan de verwachtingen) | x0.50 (-50%) |
| 2 (voldeed gedeeltelijk aan de verwachtingen) | x0.80 (-20%) |
| 3 (voldeed volledig aan de verwachtingen) | x1.00 (=) |
| 4 (overtrof vaak de verwachtingen) | x1.10 (+10%) |
| 5 (overtrof steeds de verwachtingen) | x1.20 (+20%) |
Op basis van de hierboven genoemde financiële en niet-financiële KPI's en de persoonlijke leiderschapsmultiplier ontving de CEO een totale bonus van 121.500 € voor het financiële jaar 2025. Het totale bonusbedrag dat aan de andere leden van het Uitvoerend Comité werd betaald voor het financiële jaar 2025 bedroeg 173.179 €.
De jaarlijkse bonus van elk lid van het Uitvoerend Comité is onderworpen aan een terugvorderingsclausule (zonder tijdslimiet) in het geval de financiële resultaten van de Vennootschap materieel zouden moeten worden gecorrigeerd als gevolg van fraude, opzettelijk wangedrag of grove nalatigheid van het betreffende lid. De Vennootschap kan dit
[22] De omzetdoelstelling werd vastgesteld op de wisselkoers die voor het budget werd gebruikt. De behaald omzet waarmee deze werd vergeleken, wordt berekend tegen dezelfde budgetkoers en wijkt daardoor af van de gerapporteerde omzet voor het jaar.
[23] De weergegeven behaald resultaten in de tabel wijken af van de gerapporteerde cijfers, aangezien de perimeter is afgestemd op die van de doelstelling, met andere woorden, vóór de herwerking na de desinvestering van de Braziliaanse en Turkse activiteiten.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
clawbackrecht uitoefenen gedurende een periode van drie jaar na het einde van het boekjaar waarin de fraude, opzettelijk wangedrag of grove nalatigheid heeft plaatsgevonden.
Meerjarig variabel (LTI)
Lange-termijn-beloning die in 2025 onvoorwaardelijk wordt
De onderstaande tabel toont de prestatie-aandelenunits ("PSU's"), die in 2022 zijn toegekend en die in 2025 zijn verworven. De waarde van de prestatie-aandelenunits wordt berekend door het aantal verworven prestatie-aandelenunits te vermenigvuldigen met de aandelenkoers om twaalf uur op de datum van verwerving.
| Datum | Bij definitieve verwerving | Prestatie-aandelenunits | Beperkte aandelenunits | Aandelenopties | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Naam | Toekenning | Definitieveverwerving | Aandelenkoers | Uitbetalings-% | # definitiefverworven | Waarde bijdefinitieveverwerving(in €) | # definitiefverworven | Waarde bijdefinitieveverwerving(in €) | # definitiefverworven | Waarde bijdefinitieveverwerving(in €) |
| De Poorter, Annick | 10-mrt-22 | 10-mrt-25 | 8.23 | 75.5% | 25,377.00 | 208,853 | - | - | - | - |
| Deroo, Jonas | 10-mrt-22 | 10-mrt-25 | 8.23 | 75.5% | 18,041.00 | 148,477 | - | - | - | - |
| Laurent Nielly | 10-mrt-22 | 10-mrt-25 | 8.23 | 75.5% | 26,640.00 | 219,247 | - | - | - | - |
Voor de prestatie-aandelenunits PSU onder het 2022 Performance Share Plan resulteerden de gecombineerde doelstellingen (EPS, relatieve TSR, frequentie van arbeidsongevallen en CO2 uitstoot) in een uitbetaling van 75,5% bij verwerving.
Uitzonderlijke vergoedingen en pensioenlasten
Uitzonderlijke vergoedingen
Er waren geen uitzonderlijke vergoedingen in 2025.
Pensioenlasten
De pensioenlasten omvatten de bijdragen die door het bedrijf in 2025 zijn betaald aan een definitief bijdrageregeling (of een equivalente contante toelage) ten behoeve van de CEO en de leden van het Uitvoerend Comité, voor een totaalbedrag van 437,028 €. Meer details over de pensioenlasten voor de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité zijn samengevat in deel GOV-9.3.2.
GOV-9.3.3 Beloning op basis van aandelen
VCP LTIP toekenning
Zoals vermeld in het Remuneratiebeleid van de Vennootschap, is het reguliere jaarlijkse langetermijn-beloningsprogramma van de Vennootschap tijdelijk opgeschort voor de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité (evenals voor bepaalde andere leden van het senior management van de Vennootschap) tussen 1 januari 2023 en 31 december 2025. In plaats daarvan ontving de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité in 2023 een eenmalige speciale toekenning van prestatie aandelenunits PSU voor de boekjaren 2023, 2024 en 2025 onder het speciale Lange-termijn-beloningsprogramma 2023-2025 "Value Creation Projects" van het Bedrijf (het "VCP LTIP"). De toekenningsprijs voor de prestatie aandelenunits PSU onder het VCP LTIP was 6,8931 € (d.w.z. de 30-dagen volume-gewogen gemiddelde prijs van de aandelen van de Vennootschap op Euronext Brussel per 27 maart 2023).
De prestatie aandelenunits PSU die door de Vennootschap zijn uitgegeven onder het VCP LTIP vesten afhankelijk van een prestatietest en voortdurende betrokkenheid gedurende de driejarige vestingperiode. Het vesten van de prestatie aandelenunits PSU is onderworpen aan
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
één prestatie-KPI, namelijk de aandelenprijs van de Vennootschap. De berekening van de aandelenprijs voor deze prestatietests zal eenmaal plaatsvinden, na het einde van de driejarige periode, en zal worden berekend als de 30-dagen kalender-gewogen gemiddelde prijs (VWAP) van een aandeel in de Vennootschap na de openbare aankondiging door de Vennootschap van de volledige jaarresultaten voor het boekjaar dat eindigt op 31 december 2025, op voorwaarde dat, zoals hierboven vermeld, de Raad van Bestuur overeenkomstig het Remuneratiebeleid (versie 2025) de mogelijkheid had om aan de leden van het Executive Committee de optie toe te kennen om de vesting en de daarmee samenhangende prestatietoetsing onder het VCP LTIP met één jaar uit te stellen. Het doel van deze uitgestelde prestatietoetsing is ervoor te zorgen dat Ontex's management sterk gestimuleerd blijft om de turnaround van de Vennootschap te voltooien en om het management een extra jaar te geven zodat zijn inspanningen met betrekking tot de turnaround van de Vennootschap zich kunnen weerspiegelen in de aandelenkoers van de Vennootschap.
De Raad van Bestuur heeft van deze mogelijkheid gebruikgemaakt en heeft aan de leden van het Executive Committee [24] de optie toegekend om de vesting en de daarmee samenhangende prestatietoetsing van het VCP LTIP met één jaar uit te stellen.

VCP LTIP verwervingscurve
Het is vereist dat een drempelprestatie wordt behaald voordat er vesting plaatsvindt. Vanaf die drempel neemt de vesting toe op een schaal die 100% bereikt voor een doelgerichte prestatie en maximaal 112% voor een prestatieniveau boven het doel. De doelstelling en drempels voor het VCP LTIP zijn als volgt:
Bij de toekenning van de prestatie aandelenunits PSU onder het VCP LTIP, zal de Vennootschap aan de begunstigden ofwel bestaande aandelen van de Vennootschap, nieuw uitgegeven aandelen van de Vennootschap of een combinatie van beide aanleveren. Als standaardoptie heeft de Raad voorzien dat de aandelen die zullen worden geleverd bij verwerving onder het VCP LTIP nieuw uitgegeven aandelen zullen zijn. De Raad kan er echter voor kiezen om (geheel of gedeeltelijk) bestaande aandelen te leveren in plaats van nieuw uitgegeven aandelen. Voor de levering van nieuw uitgegeven aandelen kan de Raad gebruik maken van het toegestaan kapitaal dat de Raad toelaat om het kapitaal van de Vennootschap te verhogen zonder verdere goedkeuring van de aandeelhouders, binnen de grenzen bepaald door de Belgische wetgeving en de door de algemene vergadering verleende machtiging. Op 2 december 2024 heeft de Vennootschap een aandeleninkoopprogramma gelanceerd met het oog op de verwerving van aandelen die zullen bijdragen aan het nakomen van de verplichtingen van de Vennootschap onder haar huidige en toekomstige langetermijn-incentiveplannen (met inbegrip van het VCP LTIP). Dit aandeleninkoopprogramma werd in april 2025 voltooid.
Onderstaande tabel geeft de details weer van de VCP LTIP-toekenning voor de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité.
[24] om misvattingen te vermijden is deze optie niet toegekend aan de voormalige CEO wiens mandaat eindigde op 13 januari 2026.
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissaris | Informatie over dit rapport |
|---|---|---|---|---|---|
| Lid Uitvoerend Comité | Positie | Aantal toegekende en geaccepteerde PSU's | Datum toekenning | [25]Datum verwerving | |
| Calvo Paz, Gustavo | Chief Executive Officer | 1.005.668 | 27/03/2023 | 08/05/2026 | |
| De Poorter, Annick | Chief Innovation &Sustainability Officer | 293.854 | 27/03/2023 | 08/05/2026 | |
| Deroo, Jonas | Chief HR and Legal Officer & Secretary General | 299.430 | 27/03/2023 | 08/05/2026 | |
| Peeters, Geert | Chief Financial Officer | 292.466 | 01/12/2023 | 08/05/2026 | |
| Querzoli, Marco | Chief Supply Chain Officer | 348.174 | 11/09/2023 | 08/05/2026 | |
| Nielly, Laurent | President Europe Division | 327.762 | 27/03/2023 | 08/05/2026 | |
| Wood, Paul | President North America Division | 375.595 | 27/03/2023 | 08/05/2026 |
Overzicht van op aandelen gebaseerde verloning voor de CEO en andere leden van het Uitvoerend Comité
De onderstaande tabellen geven de openings- en sluitingsbalansen weer, evenals de bewegingen gedurende het jaar 2025, in aandelen gebaseerde beloningen voor de CEO en de andere leden (of voormalige leden) van het Uitvoerend Comité.
Sinds 2021 zijn de leden van het Uitvoerend Comité verplicht om ten minste 50% van de langetermijn-beloningsinstrumenten vast te houden wanneer deze vervallen, totdat zij een aandelenbezit hebben verworven dat twee keer (voor de CEO) of gelijk is aan (voor andere leden van het Uitvoerend Comité) hun jaarlijkse basissalaris. Bovendien zullen, zodra deze drempel is overschreden, de leden van het Uitvoerend Comité verplicht zijn om dit minimumaandeelhouderschap gedurende hun uitvoeringstermijn te behouden.
De KPI's voor de prestatie-aandelenunits PSU toekenning van 2022, die onderworpen zijn aan een vestingperiode van drie jaar, zijn aangepaste basis winst per aandeel (EPS) (50%), Relatieve TSR (30%), CO2-uitstoot (10%) en ongevallenfrequentie (10%). De vesting voor elk van de KPI's ligt tussen 0 en 200%.
De enige KPI voor de prestatie-aandelenunits PSU toekenning van 2023 is de aandelenprijs.
[25] Tenzij het betrokken lid van het Uitvoerend Comité zijn/haar optie uitoefent om de verwerving en prestatietoetsing met één jaar uit te stellen, in welk geval de verwervingsdatum met één jaar wordt verschoven.
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Belangrijkste kenmerken | Informatie voor het gerapporteerde boekjaar | |||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| van het aandelenoptieplan | Openingssaldo | Gedurende het jaar | Eindsaldo | |||||||||||||||
| Begunstigde | Soortplan | Datumtoekenning | Datumverwerving | Uitoefen-periode | Uitoefen-prijs(in €) | Definitiefverworven | Nietverworven | #toegekend | Toegekendewaarde(in €) | #verworven | Verworvenwaarde(in €) | #uitgeoefend | Uitgeoefendewaarde(in €) | #verbeurd | Verbeurdewaarde(in €) | Verworven | Nietverworven | |
| De Poorter,Annick | SOP2017 | 11/05/2017 | 12/05/2020 | 8 jaren | 33,11 | 9.316 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 9.316 | - | |
| SOP2018 | 29/05/2018 | 30/05/2021 | 8 jaren | 23,56 | 17.931 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 17.931 | - | ||
| SOP2019 | 13/06/2019 | 14/06/2022 | 8 jaren | 14,00 | 16.125 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 16.125 | - | ||
| SOP2020 | 28/05/2020 | 31/05/2023 | 8 jaren | 13,90 | 24.717 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 24.717 | - | ||
| Deroo,Jonas | SOP2017 | 11/05/2017 | 12/05/2020 | 8 jaren | 33,11 | 1.995 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 1.995 | - | |
| SOP2018 | 29/05/2018 | 30/05/2021 | 8 jaren | 23,56 | 3.376 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 3.376 | - | ||
| Nielly,Laurent | SOP2017 | 11/05/2017 | 12/05/2020 | 8 jaren | 33,11 | 13.734 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 13.734 | - | |
| SOP2018 | 29/05/2018 | 30/05/2021 | 8 jaren | 23,56 | 19.212 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 19.212 | - | ||
| SOP2019 | 13/06/2019 | 14/06/2022 | 8 jaren | 14,00 | 18.878 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 18.878 | - | ||
| SOP2020 | 28/05/2020 | 31/05/2023 | 8 jaren | 13,90 | 19.031 | - | - | - | - | - | - | - | - | - | 19.031 | - |
"Toegekende waarde" wordt verkregen door het aantal toegekende opties te vermenigvuldigen met de waarde van de optie bij toekenning.
"Verworven waarde" wordt verkregen door het aantal verworven opties te vermenigvuldigen met het verschil tussen de uitoefenprijs en de aandelenkoers bij verwerving, indien positief.
"Uitgeoefende waarde" wordt verkregen door het aantal uitgeoefende opties te vermenigvuldigen met het verschil tussen de uitoefenprijs en de aandelenkoers bij uitoefening, indien positief.
"Verbeurde waarde" wordt verkregen door het aantal verbeurde opties te vermenigvuldigen met het verschil tussen de uitoefenprijs en de aandelenprijs op het moment van verbeurdverklaring, indien positief.
| Strategisch | ||
|---|---|---|
| rapport | ||
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Informatie over het gerapporteerde boekjaar | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Belangrijkste kenmerkenvan de PSU's | In de loop van het jaar | Eindsaldo | ||||||||||
| Begunstigde | Soort Plan | Prestatieperiode | Datumtoekenning | Datumverwerving | Nietverworven | # toegekend | Toegekendewaarde (in €) | # verworven | Verworvenwaarde (in €) | # verbeurd | Verbeurdewaarde (in €) | Niet definitiefverworven |
| Calvo Paz,Gustavo | PS 2023 | 2023-2025 | 8-May-23 | 8-May-26 | 1,005,668 | 1,005,668 | ||||||
| De Poorter, | PS 2022 | 2022-2024 | 10-Mar-22 | 10-Mar-25 | 33,613 | 25,377 | 208,853 | 8,236 | 67,782 | 0 | ||
| Annick | PS 2023 | 2023-2025 | 8-May-23 | 8-May-26 | 293,854 | 293,854 | ||||||
| Deroo, | PS 2022 | 2022-2024 | 10-Mar-22 | 10-Mar-25 | 23,896 | 18,041 | 148,477 | 5,855 | 48,187 | 0 | ||
| Jonas | PS 2023 | 2023-2025 | 8-May-23 | 8-May-26 | 299,430 | 299,430 | ||||||
| Nielly, | PS 2022 | 2022-2024 | 10-Mar-22 | 10-Mar-25 | 35,286 | 26,640 | 219,247 | 8,646 | 71,157 | 0 | ||
| Laurent | PS 2023 | 2023-2025 | 8-May-23 | 8-May-26 | 327,762 | 327,762 | ||||||
| Peeters,Geert | PS 2023 | 2023-2025 | 1-Dec-23 | 8-May-26 | 292,466 | 292,466 | ||||||
| Querzoli,Marco | PS 2023 | 2023-2025 | 11-Sep-23 | 8-May-26 | 348,174 | 348,174 | ||||||
| Wood,Paul | PS 2023 | 2023-2025 | 8-May-2'3 | 8-May-26 | 375,595 | 375,595 |
"Toegekende waarde" wordt verkregen door het aantal toegekende beperkte aandeleneenheid units ("PSU's") te vermenigvuldigen met de slotkoers van het aandeel op de datum voorafgaand aan de toekenning.
"Verworven waarde" wordt verkregen door het aantal verworven beperkte aandeleneenheid units ("PSU's") te vermenigvuldigen met de koers van het aandeel om 12 uur 's middags op de datum van de definitieve verwerving.
"Verbeurde waarde" wordt verkregen door het aantal vervallen beperkte aandeleneenheid units ("PSU's") te vermenigvuldigen met de slotkoers van het aandeel op de datum van verval.
Commissaris Informatie over dit rapport
GOV-9.4 Ontwikkeling in beloning en evolutie van prestaties over afgelopen 5 jaar
De onderstaande tabel toont de evolutie van de beloning van de bestuurders, de CEO en de andere leden van het Uitvoerend Comité, de gemiddelde beloning van de andere werknemers,
alsook de omzet en aangepaste EBITDA van de Vennootschap (op geconsolideerde basis) in de gerapporteerde munteenheid.
| 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|
| 1.356.500 | 1.663.417 | 1.173.750 | 1.091.250 | 1,012,500 | |
| Verandering van jaar tot jaar[26] | -2% | +23% | -29% | -8% | -7% |
| 1.588.121 | 3.945.342 | 1.769.154 | 1.667.298 | 1,307,258 | |
| Verandering van jaar tot jaar[27] | -77% | +148% | -55% | -6% | -22% |
| Beloning andere leden van het Uitvoerend Comité | 5.289.606 | 6.032.993 | 4.814.289 | 4,516,848 | |
| Verandering van jaar tot jaar[28] | -15% | -20% | +14% | -20% | -6% |
| 34.884 | 39.986 | 26.646 | 31.073 | 39.240 | |
| Verandering van jaar tot jaar[29] | -10% | +14% | -33% | +17% | +26% |
| Verandering van jaar tot jaar | -3% | +22% | +10% | +2,0% | -5.3% |
| Verandering van jaar tot jaar | -27% | -21% | +65% | +12.8% | -21.1% |
| Verandering van jaar tot jaar | Nieuwe KPI | -5,3 dagen | +1.9 days | ||
| 6.635.885 |
De beloning in de bovenstaande tabel omvat de totale beloning zoals gedefinieerd in de delen GOV-9.2 en GOV-9.3.2. Naast de financiële KPI's wordt de variabele beloning van de leden van het Uitvoerend Comité vastgesteld op basis van niet-financiële KPI's en een persoonlijke leiderschaps-multiplier (zie deel GOV-9.3.2). Omzet en Aangepaste EBITDA zijn zoals vermeld in de financiële communicatie. De gemiddelde personeelsbeloning vertegenwoordigt de totale beloning die aan alle medewerkers van Ontex in 2025 is betaald, gedeeld door het gemiddelde totale aantal medewerkers gedurende 2025.
De verhouding in 2025 van de totale beloning van de CEO ten opzichte van de totale beloning van de laagst betaalde werknemer (gevestigd in Rusland) is 558 Voor de berekening van deze verhouding omvat de beloning de vaste beloning, de variabele beloning evenals de werknemersvoordelen op basis van fulltime equivalenten (FTE). Het omvat geen werkgeversbijdragen voor sociale zekerheid en buitengewone betalingen, vanwege hun incidentele aard.
[26] De daling in de beloning van de Bestuurders ten opzichte van 2023 wordt voornamelijk verklaard door het aflopen van de jaarlijkse transformatievergoeding van de Voorzitter, zoals vastgesteld tijdens de aandeelhoudersvergadering van 3 mei 2024, en het ontslag van Paul McNulty uit de Raad van Bestuur met ingang van 1 oktober 2024.
[27] De jaar-op-jaar verandering van 2024 naar 2025 bedraagt -22%, wat voornamelijk wordt verklaard door een lagere STI-uitkering in 2025 vergeleken met 2024.
[28] De jaar-op-jaar daling wordt vooral verklaard door een lagere STI-uitkering in 2025 vergeleken met 2024. Wanneer de long term variabel buiten beschouwing wordt gelaten is de verlaging -15%.
[29] De jaar-op-jaar stijging wordt voornamelijk verklaard door perimeterwijzigingen als gevolg van de verkoop van onze activiteiten in Brazilië en Turkije in de loop van 2025.
GOV-9.5 2026 beloningsvooruitzicht
In 2026 zal de Vennootschap haar Remuneratiebeleid blijven toepassen, dat voor het laatst werd herzien bij besluit van de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van 5 mei 2025, onder voorbehoud van bepaalde wijzigingen die zullen worden voorgesteld aan de aandeelhoudersvergadering die zal worden gehouden op 5 mei 2026. De belangrijkste voorgestelde wijziging betreft een eenmalige herbalancering van de verhouding tussen de kortetermijnbeloning en de langetermijnbeloning voor de CEO (en mogelijks andere leden van het Uitvoerend Comité) voor de periode die de boekjaren 2026 tot en met 2028 omvat. Als gevolg van deze herbalancering wordt voorgesteld om de kortetermijnbeloningscomponent te verlagen en de langetermijnbeloningscomponent te verhogen door de invoering van een specifiek driejarig langetermijnbeloningsplan voor de CEO (en mogelijks andere leden van het Uitvoerend Comité), waarvoor de koersontwikkeling van het aandeel wordt voorgesteld als enige KPI. Het doel van deze wijziging is te zorgen voor een volledige afstemming van het beloningspakket van de CEO op de waardecreatie voor de aandeelhouders.
De overige leden van het Uitvoerend Comité worden beloond overeenkomstig de bepalingen van het Remuneratiebeleid, als volgt:
- Wat betreft de langetermijn variabele beloning (LTI) zal in mei 2026 een toekenning in het kader van een LTI-plan (uitsluitend bestaande uit performance stock units) worden uitgegeven die de boekjaren 2026, 2027 en 2028 omvat;
- Wat betreft de variabele korte-termijn-beloning (STI) voor 2026, zijn de financiële en nietfinanciële KPI's, hun respectieve gewicht en doelstellingen, en het vermenigvuldigeffect van de "persoonlijke leiderschaps-multiplier" vastgesteld door de Raad, op aanbeveling van de Belonings- en Benoemingscomité.
De Raad heeft de verschillende doelstellingen en uitbetalingscurves vastgesteld in lijn met de strategische en operationele prioriteiten van de Vennootschap voor 2026, als volgt:
- Doelstellingen voor Financiële Prestaties Aangezien de doelstellingen voor Financiële Prestaties voor de 2026 STI commercieel gevoelig zijn, zullen deze niet vooraf worden bekendgemaakt. Ze zullen echter wel worden vermeld in het beloningsrapport van volgend jaar, samen met de werkelijke resultaten voor het boekjaar 2026.
- Doelstellingen voor Niet-Financiële Prestaties: De doelstellingen voor Niet-Financiële Prestaties voor de 2026 STI zullen als volgt zijn:
- "BKG-uitstoot (Scope 3)": vermindering met 9% ten opzichte van het niveau van 2025; en
- "Ongevallenfrequentiegraad": vermindering met 16% ten opzichte van het niveau van 2025 (d.w.z. tot een absolute ongevallenfrequentie van 2.20)
- Persoonlijke Leiderschaps-Multiplier: Ten slotte zal de persoonlijke leiderschapsmultiplier voor de 2026 STI hetzelfde zijn als voor de 2025 STI (zoals hierboven gedetailleerd).
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Geconsolideerde Jaarrekening
Voor de afgesloten boekjaren 31 december 2025 en 2024
Inhoud
| FIN-1 | Verklaring van de Raad van Bestuur80 | |
|---|---|---|
| FIN-2 | Algemene informatie81 | |
| FIN-2.1 | Bedrijfsinformatie81 | |
| FIN-2.2 | Bedrijfsactiviteiten81 | |
| FIN-2.3 | Geschiedenis van de Groep82 | |
| FIN-2.4 | Juridisch statuut83 | |
| FIN-3 | Geconsolideerd financieel verslag84 | |
| FIN-3.1 | Geconsolideerde balans84 | |
| FIN-3.2 | Geconsolideerde resultatenrekening85 | |
| FIN-3.3 | Geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat86 | |
| FIN-3.4 | Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen87 | |
| FIN-3.5 | Geconsolideerd kasstroomoverzicht89 | |
| FIN-4 | Toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening91 | |
| FIN-4.1 | Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor financiële verslaggeving | 91 |
| FIN-4.2 | Alternatieve Prestatiemaatstaven104 | |
| FIN-4.3 | Kapitaalbeheer109 | |
| FIN-4.4 | Kritische boekhoudkundige inschattingen en beoordelingen109 | |
| FIN-4.5 | Financiële instrumenten en financieel risicobeheer114 | |
| FIN-4.6 | Operationele segmenten120 | |
| FIN-4.7 | Lijst van geconsolideerde ondernemingen122 | |
| FIN-4.8 | Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde activiteiten125 |
| FIN-4.9 | Goodwill en immateriële activa129 | |
|---|---|---|
| FIN-4.10 | Materiële vaste activa132 | |
| FIN-4.11 | Leaseovereenkomsten134 | |
| FIN-4.12 | Voorraden135 | |
| FIN-4.13 | Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen136 | |
| FIN-4.14 | Geldmiddelen en kasequivalenten138 | |
| FIN-4.15 | Kapitaal138 | |
| FIN-4.16 | Winst per aandeel139 | |
| FIN-4.17 | Rentedragende leningen140 | |
| FIN-4.18 | Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen142 | |
| FIN-4.19 | Uitgestelde belastingen en actuele belastingen148 | |
| FIN-4.20 | Kortlopende en langlopende verplichtingen149 | |
| FIN-4.21 | Voorzieningen150 | |
| FIN-4.22 | Kosten met betrekking tot personeelsbeloningen151 | |
| FIN-4.23 | Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten), netto151 | |
| FIN-4.24 | EBITDA aanpassingen152 | |
| FIN-4.25 | Kosten volgens aard153 | |
| FIN-4.26 | Netto financiële kosten153 | |
| FIN-4.27 | Winstbelastingen154 | |
| FIN-4.28 | Op aandelen gebaseerde betalingen155 | |
| FIN-4.29 | Voorwaardelijke verplichtingen158 | |
| Strategischrapport | Bestuur | Verklaring inzake Deugdelijk | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen |
|---|---|---|---|---|
| FIN-4.30 | Verbintenissen159 | |||
| FIN-4.31 | Transacties met verbonden partijen | 160 | ||
| FIN-4.32 | Gebeurtenissen na balansdatum161 | |||
| FIN-4.33 | Honoraria verbonden aan de commissaris | 162 | ||
| FIN-5 | Samenvatting statutaire enkelvoudige jaarrekening163 | |||
| FIN-5.1 | Statutaire balans na winstdeling | 163 | ||
| FIN-5.2 | Statutaire resultatenrekening | 164 | ||
| FIN-5.3 | Uittreksel uit de enkelvoudige (niet-geconsolideerde) jaarrekening van Ontex | Groep NV, opgesteld volgens Belgische boekhoudnormen164 |
Commissaris Informatie over dit rapport
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-1 Verklaring van de Raad van Bestuur
De Raad van Bestuur van Ontex Group NV verklaart in naam en voor rekening van Ontex Group NV, dat, voor zover hen bekend,
- de geconsolideerde financiële staten, die zijn opgesteld in overeenstemming met de IFRS Accounting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie, een getrouw beeld geven van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van Ontex Group NV en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen; en
- het jaarverslag een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van de activiteiten en de positie van Ontex Group NV en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsook een beschrijving van de belangrijkste risico's en onzekerheden waaraan ze blootgesteld zijn uit hoofde van de vereiste informatie van artikel 12, §2 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.
De bedragen in dit document worden weergegeven in miljoen EUR (miljoen €), tenzij anders vermeld.
Als gevolg van afrondingen kunnen de cijfers gerapporteerd in deze geconsolideerde jaarrekening niet exact optellen tot de totalen die zijn weergegeven en kunnen de percentages afwijken van de absolute cijfers.
FIN-2 Algemene informatie
FIN-2.1 Bedrijfsinformatie
De geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het jaar eindigend op 31 december 2025 werd goedgekeurd voor publicatie overeenkomstig het besluit van de Raad van Bestuur van 13 maart 2026.
FIN-2.2 Bedrijfsactiviteiten
Ontex is een toonaangevende internationale ontwikkelaar en producent van producten in babyverzorging, dameshygiëne en volwassenenzorg, zowel voor retailers als voor de gezondheidszorg, voornamelijk in Europa en Noord-Amerika. Ontex stelt wereldwijd zo'n 5.000 mensen tewerk met fabrieken en kantoren in 12 landen, en de innovatieve producten worden verdeeld in ongeveer 100 landen. Het hoofdkantoor is gevestigd in Aalst, België.
FIN-2.3 Geschiedenis van de Groep
Ontex werd in 1979 opgericht door Paul Van Malderen en produceerde aanvankelijk matrasbeschermers voor de Belgische institutionele markt. In de loop van de jaren tachtig en de eerste helft van de jaren negentig vergrootte de Vennootschap haar productassortiment tot haar huidige belangrijkste productcategorieën en breidde ze ook haar activiteiten internationaal uit, zowel via organische groei als via overnames.
Na de opening van een productiefaciliteit in Tsjechië en de overname van bedrijven in België, Duitsland en Spanje, werd Ontex in 1998 genoteerd op Euronext Brussel. Na de notering kende de Groep in enkele jaren tijd een snelle groei, voornamelijk via opeenvolgende overnames ("bolt-on acquisitions") in Frankrijk, Duitsland en Turkije.
Ontex werd in 2003 overgenomen door fondsen geadviseerd door Candover en vervolgens van Euronext Brussel gehaald. In 2004 werd een luierproductie-eenheid van Paul Hartmann in Duitsland overgenomen en in 2006 werd een productiefaciliteit in China geopend. In 2008 volgde een productiefaciliteit in Algerije en in 2010 werd ID Medica overgenomen, dat in Duitsland incontinentieproducten verkoopt.
In 2010 werd Ontex overgenomen door fondsen die werden beheerd door GSCP en TPG. In 2011 werden twee bijkomende productiefaciliteiten, één in Australië en één in Rusland, geopend, en werd in Frankrijk de overname van Lille Healthcare gefinaliseerd, een bedrijf actief op de markt voor incontinentieproducten voor volwassenen. In 2013 werd Serenity overgenomen, een bedrijf actief op de markt voor incontinentieproducten voor volwassenen in Italië en werd een productiefaciliteit in Pakistan geopend.
In juni 2014 heeft Ontex Group NV haar aandelen succesvol genoteerd op de Brusselse Euronext beurs en worden deze verhandeld onder het ticker symbool 'ONTEX'.
In februari 2016 heeft Ontex Grupo Mabe, een toonaangevende Mexicaanse producent van persoonlijke hygiëne wegwerpproducten, overgenomen.
In maart 2017 heeft Ontex de persoonlijke hygiëne activiteit van Hypermarcas overgenomen en kreeg deze de naam "Ontex Brazil".
In juli 2017 heeft Ontex een productievestiging geopend in Ethiopië waar babyluiers worden geproduceerd die specifiek voldoen aan de behoeften van Afrikaanse gezinnen.
In februari 2019 werd een productievestiging geopend in Radomsko, Polen om de Centraal-Europese activiteiten te ondersteunen.
In juli 2020 heeft Ontex de dameshygiëne-activiteiten in de VS van Albaad Massuot Yitzhak Ltd. in Rockingham County overgenomen om de activiteiten in Noord-Amerika verder te ontwikkelen.
In december 2021 kondigde Ontex zijn herziene strategie aan om zich te concentreren op zijn partner- en healthcare-merken, die in Europa en Noord-Amerika geconcentreerd zijn, en streeft daarbij naar alternatieve strategische oplossingen voor zijn voornamelijk op eigen merken gerichte activiteiten in de 'Emerging Markets' van Centraal- en Zuid-Amerika, alsook het Midden-Oosten en Afrika. Deze strategie werd geformaliseerd en gereflecteerd in de geconsolideerde jaarrekening vanaf het begin van 2022.
Ontex heeft in juli 2022 een bindende overeenkomst afgesloten om zijn Mexicaanse en aanverwante exportactiviteiten aan Softys S.A. te verkopen, wat een mijlpaal was in de transformatie van Ontex. De transactie werd gefinaliseerd in mei 2023.
In augustus 2023 kondigde Ontex aan dat het een overeenkomst heeft afgesloten voor de verkoop van haar activiteiten in Algerije aan Hygianis SPA. In september 2023 werd aangekondigd dat een overeenkomst gevonden werd met ASAIA Holding FZ voor de verkoop van haar Pakistaanse activiteiten. Beiden transacties werden in de eerste jaarhelft van 2024 afgerond.
Ontex sloot in september 2024 een bindende overeenkomst af om zijn Braziliaanse bedrijfsactiviteiten te verkopen aan Softys S.A. De transactie werd afgerond in de eerste jaarhelft van 2025. In februari 2025 kondigde Ontex aan dat het een bindende overeenkomst had afgesloten om haar Turkse dochtervennootschap te verkopen aan Dilek Grup. De transactie werd afgerond in de tweede jaarhelft van 2025.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-2.4 Juridisch statuut
Ontex Group NV is een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid opgericht in de vorm van een naamloze vennootschap ("NV") naar Belgisch recht, met ondernemingsnummer 0550.880.915. De maatschappelijke zetel van Ontex Group NV is gevestigd te Korte Keppestraat 21, 9320 Erembodegem (Aalst), België. De aandelen van Ontex Group NV worden genoteerd op de gereguleerde markt van Euronext Brussel.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-3 Geconsolideerd financieel verslag
FIN-3.1 Geconsolideerde balans
| 31 december | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Ref | 2025 | 2024 | ||||
| Goodwill | 9 | 792,9 | 799,4 | ||||
| Immateriële activa | 9 | 26,9 | 33,8 | ||||
| Materiële vaste activa | 10 | 518,1 | 497,6 | ||||
| Recht-op-gebruik activa | 11 | 138,7 | 100,9 | ||||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 19 | 30,7 | 27,6 | ||||
| Langlopende vorderingen | 13 | 7,4 | 11,1 | ||||
| Vaste activa | 1.514,8 | 1.470,4 | |||||
| Voorraden | 12 | 274,7 | 292,9 | ||||
| Handelsvorderingen | 13 | 186,8 | 204,1 | ||||
| Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | 13 | 78,7 | 67,2 | ||||
| Actuele belastingvorderingen | 19 | 4,1 | 3,3 | ||||
| Afgeleide financiële activa | 5.1 | 1,9 | 6,3 | ||||
| Overige financiële activa | 8 | 33,5 | 0,0 | ||||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 14 | 70,4 | 56,9 | ||||
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 8 | 0,0 | 259,3 | ||||
| Vlottende activa | 650,1 | 890,2 | |||||
| Totaal activa | 2.164,9 | 2.360,6 |
| 31 december | ||||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Ref | 2025 | 2024 | |
| Kapitaal en uitgiftepremie | 15 | 1.208,0 | 1.208,0 | |
| Eigen aandelen | (35,7) | (31,0) | ||
| Cumulatieve omrekeningsverschillen | (31,5) | (242,6) | ||
| Overgedragen resultaat en overige reserves | (190,4) | (8,7) | ||
| Totaal eigen vermogen | 950,4 | 925,7 | ||
| Voorzieningen m.b.t. personeelsbeloningen | 18 | 14,0 | 13,4 | |
| Rentedragende leningen | 17 | 518,1 | 667,1 | |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 19 | 16,7 | 16,0 | |
| Overige schulden | 1,4 | 2,0 | ||
| Langlopende verplichtingen | 550,2 | 698,5 | ||
| Rentedragende leningen | 17 | 129,3 | 53,1 | |
| Afgeleide financiële verplichtingen | 5.1 | 4,4 | 2,0 | |
| Overige kortlopende financiële schulden | 19 | 5,8 | 0,0 | |
| Handelsschulden | 20 | 432,7 | 440,1 | |
| Toegerekende kosten en overige schulden | 20 | 18,5 | 21,1 | |
| Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 18 | 32,8 | 45,3 | |
| Actuele belastingverplichtingen | 19 | 25,3 | 31,8 | |
| Voorzieningen | 21 | 15,6 | 38,3 | |
| Verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerdals aangehouden voor verkoop | 8 | 0,0 | 104,6 | |
| Kortlopende verplichtingen | 664,4 | 736,3 | ||
| Totaal verplichtingen | 1.214,6 | 1.434,8 | ||
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 2.164,9 | 2.360,6 |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-3.2 Geconsolideerde resultatenrekening
| Boekjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | Ref | 2025 | 2024 |
| Omzet | 6 | 1.761,6 | 1.860,5 |
| Kostprijs van de omzet | 25 | (1.282,2) | (1.316,7) |
| Brutomarge | 479,4 | 543,8 | |
| Distributiekosten | 25 | (211,9) | (207,0) |
| Verkoop- en marketingkosten | 25 | (81,2) | (81,9) |
| Algemene beheerskosten | 25 | (90,8) | (96,3) |
| Overige bedrijfsopbrengsten/(-kosten), netto | 23, 25 | 2,7 | (10,1) |
| Kosten en opbrengsten gerelateerd aan wijzigingenin de groepsstructuur | 24 | (6,2) | (61,9) |
| Kosten en opbrengsten gerelateerd aanwaardeverminderingen en significante geschillen | 24 | (13,0) | (10,8) |
| Bedrijfswinst/(verlies) | 79,0 | 75,8 | |
| Netto financiële kosten: | 26 | (51,1) | (51,4) |
| Financiële opbrengsten | 26 | 5,2 | 4,2 |
| Financiële kosten | 26 | (52,1) | (49,1) |
| Nettowisselkoersverschillenop financieringsactiviteiten | 26 | (4,1) | (6,5) |
| Winst/(verlies) vóór winstbelastingen | 27,9 | 24,3 | |
| Winstbelastingen | 27 | (11,4) | (3,4) |
| Winst/(verlies) voor de periode uit voortgezettebedrijfsactiviteiten | 16,6 | 20,9 | |
| Winst/(verlies) voor de periode uit beëindigdebedrijfsactiviteiten | 8 | (190,1) | (10,7) |
| Winst/(verlies) voor de periode | (173,5) | 10,3 | |
| toewijsbaar aan aandeelhouders van demoedermaatschappij | (173,5) | 10,3 |
Winst per aandeel
| Boekjaar | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Ref | 2025 | 2024 | ||
| Voor voortgezette bedrijfsactiviteiten | |||||
| Gewone winst per aandeel | 16 | 0,21 | 0,26 | ||
| Verwaterde winst per aandeel | 16 | 0,20 | 0,25 | ||
| Voor voortgezette en beëindigde bedrijfsactiviteiten | |||||
| Gewone winst per aandeel | 16 | (2,16) | 0,13 | ||
| Verwaterde winst per aandeel | 16 | (2,16) | 0,12 | ||
| Gewogen gemiddelde aantal gewone aandelenuitstaand gedurende de periode | 80.164.404 | 81.178.171 |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-3.3 Geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen €Ref | 2025 | 2024 |
| Winst/(verlies) voor de periode | (173,5) | 10,3 |
| Overige elementen van het totaalresultaat voor de periode, na winstbelastingen: | ||
| Herwaarderingen van toegezegde-pensioenregelingen | (0,5) | 0,2 |
| Uitgestelde belastingen op componenten die later niet zullenopgenomen worden in de resultatenrekening | 0,1 | (0,0) |
| Componenten die later niet zullen opgenomen wordenin de resultatenrekening, na belastingen | (0,5) | 0,1 |
| Omrekeningsverschillen op buitenlandse activiteiten | 211,0 | 4,2 |
| Reële waarde herwaardering –Kasstroomafdekking5.1 | (5,3) | 7,5 |
| Uitgestelde belastingen op componenten die later mogelijkskunnen opgenomen worden in de resultatenrekening | 0,6 | (1,0) |
| Componenten die later mogelijks kunnen opgenomenworden in de resultatenrekening, na belastingen | 206,2 | 10,7 |
| Overige elementen van het totaalresultaat voor deperiode, na belastingen | 205,8 | 10,8 |
| Totaalresultaat voor de periode | 32,3 | 21,1 |
| toewijsbaar aan aandeelhouders van demoedermaatschappij | 32,3 | 21,1 |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-3.4 Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Overigereserves | |||||||||||
| in miljoen € | Aantalaandelen | Kapitaal | Uitgiftepremie | EigenAandelen | Cumulatieveomrekeningsverschillen | Overgedragenresultaat | Herwaarderingtoegezegdepensioenregelingen | Kasstroomindekking | Op aandelengebaseerdebetalingen | Overige | TotaalEigenvermogen |
| Saldo per 31 december 2024 | 82.347.218 | 795,2 | 412,7 | (31,0) | (242,6) | (309,7) | 2,3 | 4,0 | 11,4 | 283,4 | 925,7 |
| Transacties met aandeelhouders op niveau van Ontex Group NV | |||||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | - | - | 2,5 | - | - | 1,0 | - | 3,5 |
| Afwikkeling vanop aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | 6,6 | - | - | - | - | (1,1) | (5,5) | - |
| Inkoop eigen aandelen | - | - | - | (11,2) | - | - | - | - | - | - | (11,2) |
| Descope | - | - | - | - | - | (3,4) | 3,0 | 0,4 | - | 0,0 | 0,0 |
| Totaal transacties met aandeelhouders | - | - | - | (4,6) | 0,0 | (0,8) | 3,0 | 0,4 | (0,0) | (5,5) | (7,6) |
| Totaalresultaat | |||||||||||
| Winst/(verlies) van de periode | - | - | - | - | - | (173,5) | - | - | - | - | (173,5) |
| Overige elementen van hettotaalresultaat | - | - | - | - | 211,0 | (0,0) | (0,5) | (4,8) | - | 0,0 | 205,8 |
| Saldo op 31 december 2025 | 82.347.218 | 795,2 | 412,7 | (35,7) | (31,5) | (484,1) | 4,8 | (0,4) | 11,4 | 278,0 | 950,4 |
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Overige reserves | |||||||||||
| in miljoen € | Aantalaandelen | Kapitaal | Uitgiftepremie | EigenAandelen | Cumulatieveomrekeningsverschillen | Overgedragenresultaat | Herwaarderingtoegezegdepensioenregelingen | Kasstroomindekking | Op aandelengebaseerdebetalingen | Overige | TotaalEigenvermogen |
| Saldo per 31 december 2023 | 82.347.218 | 795,2 | 412,8 | (32,3) | (246,8) | (322,8) | 2,0 | (2,5) | 11,5 | 285,0 | 902,0 |
| Transacties met aandeelhouders op niveau van Ontex Group NV | |||||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | - | - | 3,0 | - | - | 0,7 | - | 3,7 |
| Afwikkeling vanop aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | 2,5 | - | - | - | - | (0,9) | (1,6) | - |
| Inkoop eigen aandelen | - | - | - | (1,1) | - | - | - | - | - | - | (1,1) |
| Descope | - | - | - | - | - | (0,2) | 0,2 | - | - | - | (0,0) |
| Totaal transacties met aandeelhouders | - | - | - | 1,3 | - | 2,8 | 0,2 | 0,0 | (0,1) | (1,6) | 2,6 |
| Totaalresultaat | |||||||||||
| Winst/(verlies) van de periode | - | - | - | - | - | 10,3 | - | - | - | - | 10,3 |
| Overige elementen van hettotaalresultaat | - | 0,0 | (0,0) | - | 4,2 | 0,0 | 0,1 | 6,5 | - | - | 10,8 |
| Saldo op 31 december 2024 | 82.347.218 | 795,2 | 412,7 | ( 31,0) | ( 242,6) | ( 309,7) | 2,3 | 4,0 | 11,4 | 283,4 | 925,7 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening.
Het aandeelhouderschap van Ontex Group NV gebaseerd op de transparantieverklaringen per 31 december 2025, is als volgt:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| Aandeelhouder | 2025 | % [30] |
| Groupe Bruxelles Lambert SA | 16.454.453 | 19,98% |
| ENA Investment Capital LLC | 12.411.999 | 15,07% |
| Brandes Investment Partners LLP | 8.251.487 | 10.02% |
| The Pamajugo Irrevocable Trust | 2.722.221 | 3,64% |
| Mr. Joannes G.H.M. Niessen and Mont cervin SARL | 2.517.540 | 3,06% |
| BPCE SA, Natixis SA, Natixis Investment Managers, NIMParticipations 3 and DNCA Finance | 2.491.966 | 3,03% |
| [31]Goldman Sachs Group Inc. | 2.559.752 | 3.21% |
[30] Op het ogenblik van de transparantieverklaring
[31] De positie die wordt aangehouden door Goldman Sachs Group Inc. bestaat voornamelijk uit equivalente financiële instrumenten, terwijl de andere aandeelhouders uitsluitend aandelen bezitten. Meer informatie is te vinden in deel GOV-3.3.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-3.5 Geconsolideerd kasstroomoverzicht
| Boekjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen €Ref | 2025 | 2024 | |
| Kasstroom uit operationele activiteiten | |||
| Winst/(verlies) voor de periode | (173,5) | 10,3 | |
| Aanpassingen voor: | |||
| Winstbelastingen | 12,1 | 9,7 | |
| Afschrijvingen | 77,5 | 74,1 | |
| Bijzondere waardeverminderingen enelementen verbonden aan investeringsactiviteiten | 198,8 | 32,4 | |
| Voorzieningen (inclusief langlopende verplichtingenm.b.t. personeelsbeloningen) | (15,0) | 32,5 | |
| Wijziging in reële waarde van financiële instrumenten | 1,4 | (4,0) | |
| Netto financiële kosten | 52,5 | 57,9 | |
| Wijzigingen in werkkapitaal: | |||
| Voorraden | 16,7 | (45,4) | |
| Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten enoverige vorderingen | (1,5) | (16,3) | |
| Handelsschulden, toegerekende kosten enoverige schulden | (16,6) | 70,8 | |
| Kortlopende verplichtingen m.b.t.personeelsbeloningen | (12,3) | 4,0 | |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 140,0 | 226,0 | |
| Betaalde winstbelastingen | (16,2) | (10,3) | |
| Nettokasstroom uit operationele activiteiten | 123,9 | 215,7 |
| Boekjaar | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Ref | 2025 | 2024 | ||
| Kasstroom uit investeringsactiviteiten | |||||
| Aankoop van materiële vaste en immateriële activa | (81,1) | (112,4) | |||
| Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste enimmateriële activa | 0,2 | 0,2 | |||
| Vergoeding ontvangen voor desinvestering, netto vanverkochte geldmiddelen en transactiekosten | 8, 13 | 97,9 | 10,3 | ||
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor)investeringsactiviteiten | 17,0 | (101,9) |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Boekjaar | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen €Ref | 2025 | 2024 | |||
| Kasstroom uit financieringsactiviteiten | |||||
| Inkomsten uit leningen | 17 | 467,8 | 67,4 | ||
| Aflossingen van leningen | 17 | (616,6) | (184,7) | ||
| Betaalde interesten | (41,0) | (37,6) | |||
| Ontvangen interesten | 5,9 | 7,2 | |||
| Overige financieringskosten | (3,4) | 0,9 | |||
| Gerealiseerde wisselkoersresultaten uitfinancieringsactiviteiten | (2,2) | 0,1 | |||
| Afgeleide financiële activa | (2,3) | (1,5) | |||
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor)financieringsactiviteiten | (191,9) | (148,1) | |||
| Nettotoename / (afname) geldmiddelen enkasequivalenten | (51,0) | (34,3) | |||
| Cumulatieve wisselkoersverschillen op mutaties ingeldmiddelen | (2,8) | (9,7) | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van deperiode | 124,2 | 168,3 | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten op het einde van deperiode | 70,4 | 124,2 | |||
| waarvan gepresenteerd als activa geclassificeerdals aangehouden voor verkoop | 8 | - | 67,3 |
De bedragen omvatten zowel voortgezette als beëindigde activiteiten. Voor details over de beëindigde activiteiten, zie toelichting FIN-4.8.
FIN-4 Toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening
FIN-4.1 Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor financiële verslaggeving
FIN-4.1.1 Inleiding
De grondslagen voor financiële verslaggeving die van toepassing zijn bij de geconsolideerde financiële rapportage voor de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025 zijn in overeenstemming met de grondslagen die toegepast werden in de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2024 van Ontex Group NV. De grondslagen voor financiële verslaggeving zijn op consequente wijze toegepast doorheen de betrokken perioden.
FIN-4.1.2 Conformiteitsverklaring
Deze geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het jaar afgesloten op 31 december 2025 is opgesteld in overeenstemming met IFRS Accounting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Deze omvatten alle IFRS accounting standaarden en IFRIC-interpretaties die van toepassing zijn op 31 december 2025. De nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden en interpretaties die voor de eerste keer verplicht zijn voor het boekjaar beginnend op 1 januari 2025, hebben geen materiële impact. Geen nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden of interpretaties werden vervroegd toegepast.
Deze jaarrekening is opgemaakt op basis van de toerekeningsmethode en het continuïteitsbeginsel waarbij verondersteld wordt dat de entiteit haar bedrijfsvoering in de nabije toekomst zal voortzetten.
De opstelling van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met IFRS vereist het gebruik van een aantal belangrijke boekhoudkundige schattingen. Het vereist ook dat het management schattingen maakt en oordelen vormt bij het toepassen van de "Group accounting policies". De gebieden die een hogere mate van beoordeling behoeven, of die complexer zijn, of gebieden waar veronderstellingen en schattingen van significant belang zijn voor de geconsolideerde jaarrekening, worden aangegeven in toelichting FIN-4.4.
Relevante IFRS standaarden verplicht vanaf 2025 en later
De volgende relevante nieuwe standaarden en aanpassingen van standaarden zijn gepubliceerd en goedgekeurd door de Europese Unie en zijn voor het eerst verplicht van toepassing voor het boekjaar dat begint op of na 1 januari 2025:
Wijzigingen aan IAS 21 De effecten van wijzigingen in wisselkoersen: gebrek aan uitwisselbaarheid (van kracht per 1 januari 2025). IAS 21 behandelde voorheen niet hoe wisselkoersen moeten worden bepaald in het geval er langdurig gebrek aan uitwisselbaarheid is en de contante koers die door het bedrijf moet worden toegepast niet waarneembaar is. De wijzigingen met beperkt toepassingsgebied voegen specifieke eisen toe aan:
- bepalen wanneer een valuta inwisselbaar is in een andere en wanneer niet;
- bepalen van de toe te passen wisselkoers indien een valuta niet inwisselbaar is; en
- aanvullende toelichtingen die moeten worden verstrekt wanneer een valuta niet inwisselbaar is.
De bovenvermelde wijzigingen hebben geen impact op de geconsolideerde jaarrekening gehad.
Relevante IFRS standaarden verplicht vanaf 2026
Een aantal nieuwe standaarden, aanpassingen aan bestaande standaarden en jaarlijkse verbeteringscycli zijn gepubliceerd en zijn verplicht voor de eerste toepassing voor het boekjaar dat begint op of na 1 januari 2026 of latere periodes, en zijn niet vervroegd toegepast. Zij die het meest relevant kunnen zijn voor de jaarrekening van Ontex, worden hieronder uiteengezet.
Wijzigingen aan IFRS 9 en aan IFRS 7: De classificatie en waardering van financiële instrumenten (van kracht per 1 januari 2026). Op 30 mei 2024 heeft de IASB wijzigingen aan IFRS 9 en IFRS 7 uitgegeven om:
• de datum van herkenning en afboeking van sommige financiële activa en verplichtingen te verduidelijken, met een nieuwe uitzondering voor sommige financiële verplichtingen die worden afgewikkeld via een elektronisch geld overdrachtssysteem;
- • de beoordeling of een financieel actief voldoet aan het criterium van uitsluitend betalingen van hoofdsom en rente (SPPI) te verduidelijken;
- nieuwe toelichtingen toe te voegen voor bepaalde instrumenten met contractuele voorwaarden die de kasstromen kunnen wijzigen, zoals sommige instrumenten met kenmerken die gekoppeld zijn aan het behalen van milieu-, sociale en deugdelijk bestuursdoelen (ESG); en
- de toelichtingen bij aandelen instrumenten die worden aangewezen tegen reële waarde via het overige totaalresultaat (FVOCI) bij te werken.
Wijzigingen aan IFRS 9 en aan IFRS 7: Contracten die verwijzen naar natuur-afhankelijke elektriciteit (van kracht per 1 januari 2026). Op 18 december 2024 heeft de IASB wijzigingen aan IFRS 9 en IFRS 7 uitgegeven:
- verduidelijking van de toepassing van de eisen voor 'eigen gebruik';
- toestaan van hedge accounting als deze contracten als afdekkingsinstrument worden gebruikt; en
- toevoeging van nieuwe toelichtingsvereisten om beleggers in staat te stellen het effect van deze contracten op de financiële prestaties en kasstromen van een bedrijf te begrijpen.
IFRS 18 Presentatie en toelichting in de jaarrekening (van kracht per 1 januari 2027). De IASB heeft IFRS 18 uitgegeven, de nieuwe standaard voor presentatie en toelichting in de jaarrekening, met een focus op aanpassingen aan de resultatenrekening. De belangrijkste nieuwe concepten die geïntroduceerd worden in IFRS 18 hebben betrekking op:
- de structuur van de resultatenrekening;
- verplichte toelichtingen in de jaarrekening voor bepaalde prestatie-indicatoren van winst en verlies die buiten de financiële overzichten van een entiteit worden gerapporteerd (dat wil zeggen, door het management gedefinieerde prestatie-indicatoren); en
- verbeterde principes voor aggregatie en disaggregatie die van toepassing zijn op de primaire financiële overzichten en toelichtingen in het algemeen.
IFRS 18 zal IAS 1 vervangen; veel van de andere bestaande principes in IAS 1 worden behouden, met beperkte wijzigingen. IFRS 18 zal geen invloed hebben op de erkenning of waardering van posten in de jaarrekening, maar het kan wel veranderen wat een entiteit rapporteert als haar 'operationele winst of verlies'.
IFRS 18 zal van toepassing zijn op verslagperiodes die beginnen op of na 1 januari 2027 en is ook van toepassing op vergelijkende informatie. De veranderingen in presentatie en toelichtingen die vereist zijn door IFRS 18 kunnen systeem- en proceswijzigingen vereisen.
Van de bovenstaande wijzigingen aan IFRS 9 en IFRS 7 wordt niet verwacht dat ze een significante impact op de geconsolideerde financiële verslaggeving zal hebben. De impact van de nieuwe standaard IFRS 18 wordt nog geanalyseerd. Op dit moment kan er nog geen uitgebreidere toelichting gegeven worden aangezien de kwantitatieve impact nog niet betrouwbaar ingeschat kan worden.
Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie
In 2022 kreeg de Turkse economie verder te maken met een hoge inflatie, waardoor de gecumuleerde inflatie van Turkije over drie jaar meer dan 100% bedroeg. Daardoor werd het noodzakelijk om over te schakelen op de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie, zoals voorgeschreven door IAS 29 - Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie. IAS 29 schrijft voor dat de resultaten van de activiteiten van de onderneming in Turkije gerapporteerd moeten worden alsof deze sterk inflatoir zijn vanaf 1 januari 2022. De standaard is toegepast vanaf 2022 en is consistent toegepast tot aan de verkoop van de Turkse activiteiten begin november.
Volgens IAS 29 worden de tegen historische kostprijs gewaardeerde niet-monetaire activa en passiva, het eigen vermogen en de resultatenrekening van dochterondernemingen die actief zijn in economieën met hyperinflatie, aangepast voor wijzigingen in de algemene koopkracht van de lokale valuta door toepassing van een algemene prijsindex. Deze herrekende posities worden gebruikt voor de omrekening in euro tegen de wisselkoers aan het einde van de periode. Hierdoor worden de balans en de nettoresultaten van dochterondernemingen die actief zijn in economieën met hyperinflatie, vermeld in termen van de meeteenheid die geldt op het einde van de verslagperiode.
FIN-4.1.3 Consolidatie
Dochterondernemingen
Dochterondernemingen zijn ondernemingen waarover de Groep controle heeft. Controle bestaat in de blootstelling aan of de rechten op variabele inkomsten uit haar relatie met de dochterondernemingen en de mogelijkheid om deze inkomsten te beïnvloeden door zijn macht over deze dochterondernemingen. Dochterondernemingen worden volledig geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle wordt overgedragen aan de Groep. Ze worden niet langer geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle eindigt.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
De overnamemethode wordt gebruikt om verslag uit te brengen over de overname van dochterondernemingen door de Groep. De vergoeding van een overname van een dochteronderneming betreft de reële waarde van de overgenomen activa, de aangegane verplichtingen en de uitgegeven eigen vermogen instrumenten door de Groep. De vergoeding van de overname omvat de reële waarde van alle activa of verplichtingen voortvloeiend uit een voorwaardelijke vergoeding. Kosten gerelateerd aan de overname worden opgenomen in de resultatenrekening op het moment dat ze zich voordoen. Identificeerbare overgenomen activa, aangegane verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum. Bij elke individuele overname neemt de Groep elk minderheidsbelang op van de overgenomen partij tegen de reële waarde of tegen het evenredige deel van het minderheidsbelang van de netto activa van de overgenomen partij.
Het deel van de overnameprijs voor een minderheidsbelang in de overgenomen entiteit dat hoger is dan de reële waarde van het aandeel van de verworven identificeerbare netto activa van de Groep op de aankoopdatum van enig reeds bestaand aandelenbelang in de overgenomen onderneming wordt opgenomen als goodwill. Indien deze lager is dan de reële waarde van de netto activa van de dochteronderneming, in het geval van een voordelige koop, wordt het verschil direct opgenomen in de resultatenrekening.
Alle transacties tussen groepsondernemingen, balansen en niet-gerealiseerde winsten op transacties binnen de Groep worden geëlimineerd. Niet-gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd, maar beschouwd als een indicatie voor een mogelijke bijzondere waardevermindering van het overgenomen actief.
Transacties met minderheidsbelangen
De Groep behandelt de transacties met minderheidsbelangen als transacties met aandeelhouders van de Groep. Voor aankopen van minderheidsbelangen wordt het verschil tussen de vergoeding die betaald werd en het relevante verworven aandeel van de boekwaarde van de netto activa van de dochteronderneming opgenomen in het eigen vermogen. Winsten en verliezen uit de verkoop van minderheidsbelangen worden ook opgenomen in het eigen vermogen.
Wanneer de Groep niet langer controle of een invloed van betekenis heeft, wordt een eventueel resterend belang in de entiteit gewaardeerd tegen de reële waarde ervan en wordt de verandering van boekwaarde opgenomen als winst of verlies. De reële waarde is de initiële boekwaarde voor het boeken van het behouden belang als een geassocieerd bedrijf, joint venture of financieel actief. Daarnaast worden alle voorheen opgenomen bedragen in de overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten van die entiteit opgenomen alsof de Groep zich direct van de desbetreffende activa of verplichtingen heeft ontdaan. Dit kan betekenen dat de bedragen die voorheen opgenomen werden als overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten gereclassificeerd worden in winst of verlies.
FIN-4.1.4 Goodwill
Goodwill is het positieve verschil tussen de betaalde vergoeding en het aandeel van de onderneming in de reële waarde van de netto identificeerbare activa van de verworven dochteronderneming/geassocieerde deelneming op de overnamedatum. Goodwill op aankopen van geassocieerde deelnemingen wordt opgenomen onder "investeringen in geassocieerde deelnemingen" en wordt getest op bijzondere waardeverminderingen als onderdeel van de totale balans. Afzonderlijk opgenomen goodwill wordt onderworpen aan een jaarlijkse test op bijzondere waardeverminderingen en wordt opgenomen tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill worden niet teruggenomen. Winsten en verliezen op de verkoop van een entiteit omvatten de boekwaarde van de goodwill met betrekking tot de verkochte entiteit.
De in de balans opgenomen goodwill wordt toegewezen aan drie kasstroomgenererende eenheden (KGE). Deze KGE's zijn Europa, Rusland en Noord-Amerika. Zij vormen het laagste niveau binnen de entiteit waarop de goodwill wordt opgevolgd voor interne managementdoeleinden.
FIN-4.1.5 Vreemde valuta
Posten opgenomen in de jaarrekening van elk van de entiteiten van de Groep worden gewaardeerd in de valuta van de voornaamste economische omgeving waarin de entiteit actief is ("de functionele valuta"). De geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld in euro, dewelke de rapportagemunt is van de Groep.
Transacties in vreemde valuta worden omgerekend naar de functionele valuta tegen de wisselkoers die geldig was op de transactiedatum. Koerswinsten en -verliezen die voortvloeien uit de afwikkeling van dergelijke transacties, en uit de omrekening tegen de slotkoersen van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta, worden opgenomen in de resultatenrekening.
Koerswinsten en -verliezen die betrekking hebben op rentedragende schulden en geldmiddelen en kasequivalenten worden in de resultatenrekening gepresenteerd onder
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
"Netto-financiële kosten". Alle andere koerswinsten en -verliezen worden in de resultatenrekening gepresenteerd onder "Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten), netto".
Voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening worden de activa en verplichtingen van de buitenlandse activiteiten van de Groep omgerekend tegen de slotkoers op balansdatum. Posten van opbrengsten en kosten worden omgerekend tegen de gemiddelde wisselkoersen (tenzij dit gemiddelde geen redelijke benadering is van het cumulatief effect van de koersen op de transactiedatums, in dit geval worden baten en lasten omgerekend tegen de koers op de transactiedatums) en de posten van eigen vermogen worden omgerekend tegen de historische koers. De hieruit voortvloeiende koersverschillen worden opgenomen onder het niet-gerealiseerd resultaat en gecumuleerd in een afzonderlijke component van het eigen vermogen.
De voornaamste wisselkoersen die zijn gebruikt, zijn als volgt:
| Koers | 31 december | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in / € | 2025 | 2024 | |||||
| Munt | Slot | Gemiddelde | Slot | Gemiddelde | |||
| AUD | 1,7581 | 1,7489 | 1,6772 | 1,6399 | |||
| BRL | 6,4364 | 6,3055 | 6,4253 | 5,8268 | |||
| CZK | 24,2370 | 24,6920 | 25,1850 | 25,1189 | |||
| GBP | 0,8726 | 0,8566 | 0,8292 | 0,8466 | |||
| MXN | 21,1180 | 21,6729 | 21,5504 | 19,8249 | |||
| PLN | 4,2210 | 4,2392 | 4,2750 | 4,3057 | |||
| RUB | 98,7672 | 94,6326 | 122,4011 | 100,8206 | |||
| TL | 50,4838 | 44,7653 | 36,7372 | 35,5653 | |||
| USD | 1,1750 | 1,1293 | 1,0389 | 1,0821 |
FIN-4.1.6 Immateriële activa
Een immaterieel actief wordt opgenomen in de balans wanneer er aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: (1) het actief is identificeerbaar, d.w.z. ofwel afscheidbaar (als het kan worden verkocht, overgedragen, in licentie gegeven) of voortvloeit uit contractuele of andere juridische rechten; (2) het is waarschijnlijk dat de verwachte toekomstige economische voordelen die kunnen worden toegerekend aan het actief naar de Groep zullen vloeien; (3) de Groep heeft zeggenschap over het actief; en (4) de kostprijs van het actief kan op een betrouwbare wijze worden bepaald.
Immateriële activa worden gewaardeerd aan kostprijs (inclusief de kosten die direct toewijsbaar zijn aan de transactie), verminderd met eventuele gecumuleerde afschrijvingen en verminderd met eventuele gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Binnen de Groep vertegenwoordigen de intern gegenereerde immateriële activa IT-projecten en product/proces ontwikkelingsprojecten.
Ontwikkelingskosten die rechtstreeks toerekenbaar zijn aan het ontwerp en testen van identificeerbare en unieke projecten waarover de Groep zeggenschap heeft, worden als immateriële activa opgenomen als aan de volgende criteria voldaan wordt:
- het is technisch uitvoerbaar om het immaterieel actief, met het oog op het gebruik of de verkoop, te voltooien;
- het management beoogt het immaterieel actief te voltooien en te gebruiken of te verkopen;
- het vermogen om het immaterieel actief te gebruiken of te verkopen is beschikbaar;
- er kan aangetoond worden hoe het immaterieel actief waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren;
- adequate technische, financiële en andere middelen zijn beschikbaar voor de voltooiing van de ontwikkeling evenals voor het gebruik of de verkoop van het actief; en
- de kosten, toe te rekenen aan het immaterieel actief tijdens zijn ontwikkelingsfase, kunnen op een betrouwbare manier gewaardeerd worden.
Systemen van de Groep laten een betrouwbare maatstaf toe voor kosten die direct toerekenbaar zijn aan de verschillende IT-projecten en product/proces ontwikkelingsprojecten.
Onderzoekskosten en ontwikkelingskosten die niet aan de bovenstaande criteria voldoen, worden als kost opgenomen in de resultatenrekening op het moment dat ze opgelopen worden. Ontwikkelingskosten die in het verleden als kost werden opgenomen, kunnen niet als een actief worden opgenomen op een latere datum.
Extern verworven software wordt gewaardeerd aan kostprijs verminderd met eventuele gecumuleerde afschrijvingen en verminderd met eventuele bijzondere gecumuleerde waardeverminderingsverliezen.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Onderhoudskosten, alsmede de kosten van kleine aanpassingen waarvan het doel is om het niveau van de prestaties van het actief te handhaven (in plaats van te verbeteren), worden beschouwd als kosten op het moment dat ze zich voordoen.
Financieringskosten die direct toerekenbaar zijn aan de aankoop, bouw en/of productie van een in aanmerking komend immaterieel actief, worden gekapitaliseerd als onderdeel van de kosten van het actief.
Immateriële activa worden stelselmatig afgeschreven over de gebruiksduur op basis van de lineaire methode. De van toepassing zijnde gebruiksduren zijn als volgt:
| Immateriële activa | Gebruiksduur |
|---|---|
| Merken | 20 jaar |
| Implementatiekosten IT | 3 tot 5 jaar |
| Geactiveerde Ontwikkelingskosten | 3 tot 5 jaar |
| Licenties | 3 tot 5 jaar |
| Verworven concessies, octrooien, kennis en andere soortgelijke rechten | 5 jaar |
Afschrijvingen beginnen van zodra het actief beschikbaar is voor gebruik.
FIN-4.1.7 Materiële vaste activa
Materiële vaste activa worden opgenomen tegen de kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en verminderd met gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. De kostprijs omvat alle kosten die direct toerekenbaar zijn om het actief in de staat te krijgen die noodzakelijk is om te functioneren op de door het management beoogde wijze. Financieringskosten die direct toerekenbaar zijn aan de aankoop, bouw en/of productie van een in aanmerking komend actief worden gekapitaliseerd als deel van de kosten van het actief.
Uitgaven voor herstellingen en onderhoud die enkel bedoeld zijn om de waarde van vaste activa op peil te houden, maar niet om ze te verhogen, worden verwerkt in de resultatenrekening. Uitgaven voor grote herstellingen en voor groot onderhoud, die leiden tot een toename van de toekomstige economische voordelen die door het vaste actief zullen worden gegenereerd, worden evenwel geïdentificeerd als een afzonderlijk element van de aanschaffingswaarde. De kosten van terreinen, gebouwen, machines en installaties worden onderverdeeld in belangrijke bestanddelen. Deze belangrijke bestanddelen, die worden vervangen op regelmatige tijdstippen en bijgevolg een gebruiksduur hebben die verschilt van die van de vaste activa waarin ze zijn verwerkt, worden afgeschreven over hun specifieke gebruiksduur. In geval van vervanging wordt het bestanddeel vervangen en niet langer in de balans opgenomen en wordt het nieuwe bestanddeel afgeschreven tot de volgende grote herstelling of groot onderhoud.
Het af te schrijven bedrag wordt lineair afgeschreven over de gebruiksduur van het actief. Het af te schrijven bedrag betreft de aankoopkosten, verminderd met de restwaarde, indien aanwezig. De tabel hierna geeft een overzicht van de gehanteerde gebruiksduur:
| Materiële vaste activa | Gebruiksduur |
|---|---|
| Terreinen | n.v.t. |
| Grondverbeteringen en gebouwen | 30 jaar |
| Fabrieken, machines en apparatuur | 10 tot 15 jaar |
| Meubilair en rollend materieel | 4 tot 8 jaar |
| Overige materiële vaste activa | 5 jaar |
| IT-apparatuur | 3 tot 5 jaar |
De gebruiksduur van de machines wordt regelmatig geëvalueerd. Elke keer dat een belangrijke opwaardering wordt uitgevoerd, verlengt een dergelijke opwaardering de gebruiksduur van de machine. De kosten van de opwaardering worden toegevoegd aan de boekwaarde van de machine en de nieuwe boekwaarde wordt prospectief afgeschreven over de resterende geschatte gebruiksduur van de machine.
FIN-4.1.8 Leaseovereenkomsten
De Groep heeft leaseovereenkomsten afgesloten voor verscheidene eigendommen, machines, voertuigen en IT-infrastructuur. Leaseovereenkomsten worden als recht-op-gebruik activa en overeenstemmende verplichting opgenomen vanaf het moment dat het geleasede actief ter beschikking is voor gebruik door de Groep.
De recht-op-gebruik activa en leaseverplichtingen worden initieel opgenomen aan contante waarde. De leaseverplichtingen omvatten de contante waarde van de volgende leasebetalingen:
- vaste betalingen (minus eventuele leasevoordelen);
- variabele leasevergoedingen die gebaseerd zijn op een index of een rentevoet;
- de uitoefenprijs van een aankoopoptie indien het redelijk zeker is dat de Groep deze optie zal uitoefenen; en
- betalingen van boeten voor het beëindigen van de leaseovereenkomst, indien de leaseperiode de uitoefening door de Groep van een optie tot beëindiging van de leaseovereenkomst weerspiegelt.
Leasebetalingen die verschuldigd zijn bij redelijk zekere verlengingsopties worden eveneens beschouwd bij de bepaling van de verplichting.
De leasebetalingen worden verdisconteerd op basis van de impliciete rentevoet in de lease, als deze onmiddellijk beschikbaar zou zijn, of de marginale rentevoet, d.i. de rentevoet waartegen de Groep het bedrag, nodig voor het verkrijgen van een actief van eenzelfde waarde als het recht-op-gebruik actief, in eenzelfde economische omgeving zou hebben kunnen lenen voor eenzelfde duur en met eenzelfde zekerheid.
De Groep wordt blootgesteld aan eventuele toekomstige stijgingen van de variabele leasebetalingen die gebaseerd zijn op een index of rentevoet, die pas worden opgenomen in de verplichting als deze van toepassing zijn. Wanneer wijzigingen aan de leasebetalingen als gevolg van indexeringen of wijzigingen in de rentevoet plaatsvinden, wordt de leaseverplichting geherwaardeerd en aangepast tegen het recht-op-gebruik actief.
Elke leasebetaling wordt opgesplitst in een terugbetaling van de leasingschuld en een betaling van rente, volgens een verhouding die ervoor zorgt dat er over de volledige looptijd een constante rentelast ontstaat in vergelijking met het openstaande kapitaal. Financiële kosten worden onmiddellijk opgenomen in de resultatenrekening, tenzij ze direct toerekenbaar zijn aan in aanmerking komende activa, in welk geval zij worden gekapitaliseerd.
De recht-op-gebruik activa worden aan kostprijs gewaardeerd en omvatten de volgende componenten:
- de initiële waardering van de leaseverplichting;
- alle op of voor de aanvangsdatum verrichte leasebetalingen, verminderd met alle ontvangen leasevoordelen;
- alle gemaakte initiële directe kosten; en
- een schatting van de door de huurder te maken kosten van ontmanteling en verwijdering van het onderliggende actief.
Indien het redelijk zeker is dat de Groep aan het einde van de leaseperiode de aankoopoptie zal uitoefenen, zal het actief lineair worden afgeschreven over de gebruiksduur (zie toelichting FIN-4.1.7). In alle andere gevallen wordt het actief lineair afgeschreven over de kortere periode van de gebruiksduur van het actief of de leaseperiode.
Voor korte-termijnleases (leaseperiode van 12 maanden of minder) en leases van activa met een lage waarde (voornamelijk IT uitrusting en kleine kantoorbenodigdheden) waarvoor de Groep geopteerd heeft om de vrijstelling beschikbaar in IFRS 16 toe te passen, worden de leasebetalingen op een lineaire basis als kost opgenomen over de leaseperiode.
Bepaalde leaseovereenkomsten van gebouwen omvatten variabele leasebetalingen die verbonden zijn aan het gebruik van het gebouw (voornamelijk warehouses). Variabele leasebetalingen die afhankelijk zijn van het gebruik, worden in resultaat opgenomen in de periode waarin ze worden opgelopen.
FIN-4.1.9 Bijzondere waardevermindering van nietfinanciële activa, andere dan goodwill
Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet beschikbaar zijn voor gebruik, worden niet afgeschreven, maar worden jaarlijks aan een test op bijzondere waardevermindering onderworpen.
Andere activa die wel worden afgeschreven, worden onderworpen aan een test op bijzondere waardevermindering wanneer gebeurtenissen of gewijzigde omstandigheden erop wijzen dat de boekwaarde mogelijk niet realiseerbaar is. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt opgenomen voor het bedrag waarmee de boekwaarde van het actief de realiseerbare waarde overschrijdt. De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de reële waarde van een actief, verminderd met de verkoopkosten, en de bedrijfswaarde.
Wanneer een bijzonder waardeverminderingsverlies teruggenomen wordt, wordt de boekwaarde van het actief (of een kasstroomgenererende eenheid) verhoogd tot de herziene schatting van het realiseerbare bedrag, maar zodanig dat de verhoogde boekwaarde de boekwaarde die bepaald zou zijn als er in voorgaande jaren geen bijzonder waardeverminderingsverlies zou zijn opgenomen voor het actief (of kasstroomgenererende eenheid), niet overschrijdt. Een terugneming van een bijzondere waardevermindering wordt onmiddellijk opgenomen in de resultatenrekening.
FIN-4.1.10 Voorraden
Voorraden worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van de kostprijs of de opbrengstwaarde. De kostprijs van voorraden moet worden toegerekend volgens de FIFO (firstin, first-out) methode. De kostprijs voor afgewerkte producten en goederen in bewerking omvat de productiekosten, zoals grondstoffen, directe loonkosten, en ook de indirecte productiekosten (productieoverheadkosten gebaseerd op de normale bedrijfscapaciteit). De opbrengstwaarde is de geschatte verkoopprijs in het kader van de normale bedrijfsvoering, verminderd met de variabele kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.
Reserve-onderdelen worden door de Groep opgenomen als vaste activa indien ze naar verwachting zullen gebruikt worden in meer dan één periode en als ze specifiek zijn voor één enkele machine. Als ze naar verwachting niet worden gebruikt in meer dan één periode, of als ze voor meerdere machines kunnen worden gebruikt, worden ze opgenomen als voorraden. Voor de reserve-onderdelen die geclassificeerd zijn als voorraden, maakt de Groep gebruik van bijzondere waardeverminderingsregels op basis van het economische gebruik van deze reserve-onderdelen.
FIN-4.1.11 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten
Een vast actief, of een groep activa die wordt afgestoten, worden geklasseerd als aangehouden voor verkoop wanneer de boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkooptransactie in plaats van door hun voortgezette gebruik. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop zeer waarschijnlijk geacht wordt en als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) gereed is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat. Er kan pas sprake zijn van een zeer waarschijnlijke verkoop als het gepaste managementniveau zich heeft verbonden tot een plan voor de verkoop van het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) en als een operationeel plan om een koper te vinden en het plan te voltooien, opgestart werd. Bovendien moet het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) op actieve wijze voor verkoop op de markt gebracht worden tegen een redelijke prijs in verhouding tot zijn huidige reële waarde en dient de verkoopovereenkomst naar verwachting afgesloten te worden binnen het jaar na de datum van de classificatie, en uit de handelingen om het plan te voltooien blijkt dat het onwaarschijnlijk is dat er belangrijke wijzigingen zullen aangebracht worden aan het plan, of dat het plan ingetrokken zal worden.
Een groep activa die wordt afgestoten is een groep van activa die kan worden afgestoten, door verkoop of anderszins, als een groep in een gezamenlijke transactie, en de verplichtingen die rechtstreeks aan deze activa verbonden zijn, worden bij deze transactie overgedragen. Deze groep omvat eveneens de goodwill verworven in een bedrijfscombinatie als de groep een kasstroomgenererende eenheid is waaraan de goodwill toegewezen is of wanneer het een activiteit is binnen een dergelijke kasstroomgenererende eenheid.
Wanneer de Groep zich heeft verbonden tot een verkoop die een verlies van zeggenschap over een dochteronderneming met zich meebrengt, dan dienen alle activa en passiva van deze dochteronderneming geklasseerd te worden als aangehouden voor verkoop als aan de hierboven beschreven criteria voldaan is ongeacht of de Groep een minderheidsbelang zal aanhouden in de dochteronderneming na de verkoop.
Vaste activa (en groepen activa die worden afgestoten) die geklasseerd zijn als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen reële waarde minus de verkoopkosten als deze lager is dan de boekwaarde. Een eventueel overschot van de boekwaarde tegenover de reële waarde minus de verkoopkosten wordt opgenomen als een bijzonder waardeverminderingsverlies. Zodra activa geklasseerd worden als aangehouden voor verkoop worden ze niet langer afgeschreven. Geconsolideerde balansen voor voorgaande perioden worden niet herwerkt om de nieuwe classificatie van vaste activa (of groepen activa die worden afgestoten) als aangehouden voor verkoop te weerspiegelen.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van de Groep die ofwel is afgestoten ofwel is geklasseerd als aangehouden voor verkoop, en die:
- een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt;
- deel uitmaakt van één enkel gecoördineerd plan om een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied af te stoten; of
- een dochteronderneming is die uitsluitend is overgenomen met de bedoeling te worden doorverkocht.
FIN-4.1.12 Omzet-erkenning
De kernactiviteit van Ontex Group is de verkoop van goederen, met als enige prestatieverplichting de levering van goederen. Aldus erkent de Groep de omzet op een bepaald tijdstip wanneer zeggenschap over de goederen wordt overgedragen aan de klant, over het algemeen op moment van levering van de goederen. De Groep verkoopt haar producten rechtstreeks aan haar klanten en via distributeurs of agenten. Dit kan leiden tot een ander tijdstip om opbrengsten te erkennen. Na de levering aan distributeurs heeft de distributeur volledig zeggenschap over de manier van distributie en prijszetting voor de
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
verkoop van goederen, de primaire verantwoordelijkheid over de verkoop van de goederen en draagt de distributeur de risico's op veroudering en verlies met betrekking tot de goederen.
Naast de verkoop van goederen worden afzonderlijke diensten, voornamelijk opleidingen aan klanten of assistentie aan klanten, veelal geleverd over de periode dat de overeenstemmende goederen worden verkocht aan de klant. Transport wordt niet als een afzonderlijke prestatieverplichting beschouwd aangezien zeggenschap over de goederen pas na het transport wordt overgedragen.
Betalingstermijnen kunnen verschillen afhankelijk van de klant, op basis van het kredietrisico en het voorafgaande betalingsgedrag van de klant. Daarnaast heeft de geografische ligging van het bedrijf en de klant een effect op de betalingsvoorwaarden. Er zijn geen belangrijke financieringscomponenten in de transactieprijzen opgenomen en de vergoedingen worden betaald in contanten.
Contracten met klanten bevatten handelskortingen of volumekortingen, die worden toegekend aan de klant indien de geleverde hoeveelheden een bepaalde drempel overschrijden. In deze gevallen omvat de transactieprijs een variabele vergoeding. De impact van de variabele vergoeding op de transactieprijs wordt in rekening gebracht bij de omzet-erkenning door het schatten van de waarschijnlijkheid van het realiseren van de korting en dit voor elk contract. Bovendien wordt de geschatte variabele vergoeding slechts opgenomen in de transactieprijs, in de mate dat het zeer waarschijnlijk is dat een belangrijke terugname van het bedrag van de cumulatief erkende opbrengsten niet zal optreden wanneer naderhand de onzekerheid in verband met de variabele vergoeding vervolgens afneemt (het beperken van de variabele vergoeding). Bovendien beoordeelt de Groep alle betalingen aan klanten om te bepalen of deze betalingen betrekking hebben op de opbrengst gegenereerd met de betrokken klant.
Een vordering wordt opgenomen wanneer de goederen worden geleverd aangezien dit het tijdstip is waarop de vergoeding onvoorwaardelijk wordt, omdat enkel het verloop van de tijd vereist is vooraleer de betaling is verschuldigd.
FIN-4.1.13 Financiële activa
De financiële activa van de Groep worden ingedeeld in de volgende categorieën: financiële activa tegen reële waarde en financiële activa tegen geamortiseerde kostprijs. De classificatie hangt af van het bedrijfsmodel van de onderneming voor het beheer van de financiële activa en de contractuele bepalingen van de kasstromen. Het management bepaalt de classificatie van de financiële activa bij de initiële opname in de balans.
Reguliere aan- en verkopen van financiële activa worden opgenomen op transactiedatum, d.i. de datum waarop de Groep zich verbindt tot de aan- of verkoop van een actief.
Bij initiële opname waardeert de Groep een financieel actief aan reële waarde plus, voor een financieel actief niet gewaardeerd tegen reële waarde via de winst- of verliesrekening, transactiekosten die rechtstreeks toewijsbaar zijn aan de verwerving van het financieel actief. Transactiekosten die betrekking hebben op financiële activa gewaardeerd aan reële waarde via de winst- of verliesrekening, worden in resultaat genomen.
Financiële activa, zoals leningen, handels- en overige vorderingen en geldmiddelen en kasequivalenten worden op basis van de effectieve rentemethode gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, verminderd met eventuele bijzondere waardeverminderingen als deze aangehouden worden voor de inning van contractuele kasstromen waarbij deze kasstromen enkel betalingen in kapitaal en interesten omvatten.
De effectieve rentemethode is een methode voor het berekenen van de geamortiseerde kostprijs van een schuldinstrument en de toewijzing van rente-inkomsten over de relevante periode. De effectieve rentevoet is de rentevoet die de geschatte toekomstige kasontvangsten (inclusief alle betaalde of ontvangen vergoedingen en prijsfluctuaties die een integraal onderdeel vormen van de effectieve rentevoet, transactiekosten en andere premies of kortingen) over de verwachte levensduur van het schuldinstrument disconteert, of, in voorkomend geval, een kortere periode, tegen de netto boekwaarde bij de eerste opname.
Handels- en overige vorderingen na en binnen een jaar zijn in eerste instantie opgenomen tegen reële waarde en daarna gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs, d.w.z. tegen de netto huidige waarde van het vorderingsbedrag, met behulp van de effectieve rentevoetmethode, na aftrek van voorzieningen voor bijzondere waardevermindering.
De Groep beoordeelt op een toekomstgerichte basis de verwachte kredietverliezen verbonden aan de financiële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs. Voor handelsvorderingen past de Groep de vereenvoudigde benadering voorzien door IFRS 9 – Financiële instrumenten toe, waarbij verwachte kredietverliezen op basis van levensduur worden opgenomen vanaf de initiële opname van de vorderingen.
De hoogte van de voorziening wordt in mindering gebracht op de boekwaarde van het actief en is opgenomen in de resultatenrekening in "verkoop- en marketingkosten".
Handelsvorderingen worden niet meer opgenomen in de balans wanneer (1) de rechten op de kasstromen uit de handelsvorderingen zijn vervallen, (2) de Groep nagenoeg alle risico's en voordelen met betrekking tot de vorderingen heeft overgedragen.
De Groep neemt niet langer een financieel actief op enkel wanneer de contractuele rechten op de kasstromen uit het actief zijn vervallen, of wanneer ze het financiële actief en nagenoeg alle
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
aan de eigendom van het actief verbonden risico's en voordelen overdraagt aan een andere entiteit. Als de Groep nagenoeg alle aan de eigendom van het actief verbonden risico's en voordelen niet overdraagt noch behoudt en toch doorgaat het overgenomen actief te controleren, erkent de Groep haar belang in het actief en de daarbij horende aansprakelijkheid voor bedragen die wellicht door haar betaald moeten worden. Als de Groep nagenoeg alle aan de eigendom van een overgedragen financieel actief verbonden risico's en voordelen behoudt, handhaaft de Groep het financieel actief in de balans en erkent eveneens een gewaarborgde lening voor de ontvangen opbrengsten.
Bij het niet langer opnemen van een financieel actief in zijn geheel wordt het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de som van de ontvangen vergoeding en vordering en de cumulatieve winst of verlies opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten en gecumuleerd in het eigen vermogen, opgenomen via de winst- of verliesrekening.
Bij de verwijdering van een financieel actief anders dan in zijn geheel (bijvoorbeeld wanneer de Groep de optie behoudt om een deel van een overgedragen actief terug te kopen), zal de Groep de vorige boekwaarde van het financieel actief verdelen tussen het deel dat onder de noemer van aanhoudende betrokkenheid nog steeds is opgenomen in de balans, en het deel dat niet meer is opgenomen op basis van de relatieve reële waarde van die delen op de overdrachtsdatum. Het verschil tussen de boekwaarde toegewezen aan het deel dat niet meer is opgenomen in de balans en de som van de ontvangen vergoeding ervoor en alle eraan toegewezen cumulatieve winst of verlies opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat, wordt opgenomen in de winst- of verliesrekening. Een cumulatieve winst of verlies opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat wordt verdeeld tussen het deel dat is opgenomen in de balans en het deel dat niet meer is opgenomen op basis van de relatieve reële waarde van die delen.
FIN-4.1.14 Geldmiddelen en kasequivalenten
Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten contanten, onmiddellijk opvraagbare deposito's bij banken en overige kortlopende, zeer liquide beleggingen met een oorspronkelijke looptijd van drie maanden of minder. Bankschulden worden in de balans opgenomen onder de kortlopende leningsverplichtingen.
FIN-4.1.15 Kapitaal
Gewone aandelen worden geclassificeerd als eigen vermogen. Indien een onderneming van de Groep maatschappelijk kapitaal (eigen aandelen) van de vennootschap koopt, wordt de betaalde vergoeding in mindering gebracht op het eigen vermogen, toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap, totdat de aandelen worden geschrapt of opnieuw worden uitgegeven. Kosten die direct toewijsbaar zijn aan de uitgifte van nieuwe aandelen worden in het eigen vermogen opgenomen in mindering van de opbrengsten, na aftrek van belastingen.
Financiële instrumenten worden of opgenomen als financiële verplichtingen of als eigen vermogen. Het financiële instrument is opgenomen in het eigen vermogen enkel en alleen als het instrument geen contractuele verplichting heeft om geldmiddelen of een ander financieel actief te leveren, of om financiële activa of verplichtingen uit te wisselen onder voorwaarden die mogelijk nadelig kunnen zijn voor de Groep, en als het instrument kan of zal worden afgewikkeld in een vast aantal van de eigen vermogensinstrumenten van de Groep.
FIN-4.1.16 Overheidssubsidies
Subsidies van overheden zijn opgenomen tegen hun reële waarde wanneer er een redelijke zekerheid is dat de subsidie zal worden ontvangen en de Groep alle bijbehorende voorwaarden zal naleven.
Overheidssubsidies met betrekking tot terreinen, gebouwen, machines en installaties worden in mindering gebracht op de kostprijs van de activa waarop ze betrekking hebben en worden lineair opgenomen in de resultatenrekening gedurende de verwachte gebruiksduur van de desbetreffende activa.
FIN-4.1.17 Personeelsbeloningen
Korte-termijn-personeelsbeloningen
Korte-termijn-personeelsbeloningen zijn in de resultatenrekening opgenomen als een kost in de periode waarin de diensten zijn geleverd. Elke onbetaalde beloning is in de balans opgenomen onder de 'Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen'.
Vergoedingen na uitdiensttreding
De entiteiten binnen de Groep hebben verschillende pensioenregelingen. Het merendeel van de regelingen zijn niet volledig gefinancierd. Sommige regelingen worden gefinancierd via betalingen aan verzekeringsmaatschappijen of pensioenfondsen, bepaald door periodieke
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
actuariële berekeningen. De Groep heeft zowel toegezegde-bijdragenregelingen als toegezegde-pensioenregelingen. Een toegezegde-bijdrageregeling is een pensioenregeling waarbij de Groep vaste bijdragen betaalt aan een afzonderlijke entiteit. De Groep heeft geen in rechte afdwingbare verplichting, noch een feitelijke verplichting om de bijdragen voort te zetten als het fonds niet over voldoende activa beschikt om alle werknemers in de beloningen te voorzien die verband houden met de geleverde dienstprestaties van de werknemer in de huidige en voorgaande perioden. Een toegezegde-pensioenregeling is een pensioenregeling die geen toegezegde-bijdrageregeling is. Een typisch toegezegde-pensioenregeling bevat het pensioenbedrag dat een werknemer op moment van pensionering zal ontvangen en is gewoonlijk afhankelijk van één of meerdere factoren zoals leeftijd, aantal jaren dienst en het loonpakket.
De verplichting die in de balans met betrekking tot toegezegde-pensioenregelingen is opgenomen, is de contante waarde van de toegezegde-pensioensregelingen aan het eind van de rapportageperiode verminderd met de reële waarde van de opgebouwde fondsbeleggingen van de pensioenregeling. De toegezegde-pensioenregeling wordt jaarlijks berekend door onafhankelijke actuarissen volgens de "projected unit credit"-methode. De contante waarde van de toegezegde-pensioenregelingen wordt bepaald door de geschatte toekomstige uitgaande kasstromen te verdisconteren met behulp van rentevoeten van bedrijfsobligaties van hoge kwaliteit die zijn aangeduid in de valuta waarin de beloningen betaald worden, en die looptijden hebben die de looptijd van de gerelateerde pensioenverplichting benaderen. In landen waar niet voldoende marktpenetratie is voor dergelijke obligaties, wordt de marktrente op staatsobligaties gebruikt.
Actuariële winsten en verliezen als gevolg van aanpassingen en wijzigingen in de actuariële veronderstellingen worden opgenomen ten laste of ten gunste van de niet-gerealiseerde resultaten in de periode waarin zij zich voordoen.
Pensioenkosten verbonden aan de verstreken diensttijd zijn direct opgenomen in de winst- en verliesrekening. De netto rentekosten met betrekking tot de toegezegde-pensioenregelingen zijn opgenomen in de financiële kosten.
Voor toegezegde-bijdrageregelingen betaalt de Groep bijdragen aan openbaar of particulier beheerde pensioenverzekeringen op verplichte, contractuele of vrijwillige basis. De Groep heeft geen verdere betalingsverplichtingen nadat de bijdragen zijn betaald. De premies zijn opgenomen als kosten voor personeelsbeloningen wanneer ze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde bijdragen zijn opgenomen als actief voor zover een terugbetaling in contanten of een vermindering van de toekomstige betalingen verwacht wordt.
Lange-termijn-personeelsbeloningen
Niet-gefinancierde verplichtingen die voortvloeien uit langlopende personeelsbeloningen zijn opgenomen door gebruik te maken van de "projected unit credit"-methode.
Ontslagvergoedingen
Ontslagvergoedingen zijn opgenomen als een verplichting wanneer de Groep zich aantoonbaar heeft verbonden tot de beëindiging van het dienstverband van een werknemer of een groep van werknemers vóór de normale pensioendatum. De Groep is alleen aantoonbaar verbonden tot beëindiging van het dienstverband wanneer het gaat over een gedetailleerd formeel plan voor de vroegtijdige beëindiging en er geen realistische mogelijkheid bestaat voor de intrekking ervan. Ontslagvergoedingen van lange termijn worden geactualiseerd met behulp van dezelfde disconteringsvoet als hierboven gebruikt voor toegezegde-pensioenregelingen.
FIN-4.1.18 Op aandelen gebaseerde betalingen
De Groep heeft een op aandelen gebaseerd compensatieplan dat in eigenvermogensinstrumenten wordt afgewikkeld en dat bestaat uit aandelenopties (verder "Opties" genoemd) (tot en met 2020), voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (verder "RSU's" - Restricted Stock Units genoemd) en prestatie gerelateerde toegekende aandelen-eenheden (verder "PSU's" – Performance Stock Units genoemd). Voor toekenningen van opties, RSU's en PSU's wordt de reële waarde van de verkregen diensten van de werknemer bepaald op basis van de reële waarde van de toegekende aandelen en aandelenopties op datum van toekenning. De Groep neemt de reële waarde van de diensten die werden ontvangen in ruil voor de toekenning van de opties op als kost met een overeenstemmende toename van het eigen vermogen over de wachtperiode. De reële waarde van de toegekende opties wordt bepaald aan de hand van waarderingsmodellen waarbij rekening wordt gehouden met parameters als de uitoefenprijs van de optie, de aandelenprijs op moment van de toekenning van de optie, de risicovrije rentevoet voor de looptijd van de optie, de verwachte volatiliteit van de aandelenprijs over de looptijd van de optie en andere belangrijke factoren. Met de voorwaarden die bepalen of de entiteit de diensten ontvangt die de tegenpartij op grond van een op aandelen gebaseerde betalingsovereenkomst recht geven op ontvangst van eigenvermogensinstrumenten van de entiteit ("vesting conditions") wordt enkel rekening gehouden voor de bepaling van de reële waarde als het marktgerelateerde voorwaarden betreft. Niet marktgerelateerde "vesting conditions" worden in aanmerking genomen door het aantal aandelen of aandelenopties aan te passen welke zijn opgenomen in de bepaling van de kost
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
van de werknemerprestaties zodat uiteindelijk het bedrag dat opgenomen wordt in de resultatenrekening het aantal "vested" aandelen of aandelenopties weerspiegelt.
Op elke balansdatum herziet de entiteit haar schatting van het aantal opties die verwacht worden uitgeoefend te worden en neemt zij de impact van deze herzieningen, indien van toepassing, op in de resultatenrekening en een overeenstemmende aanpassing van het eigen vermogen over de resterende wachtperiode ("vesting period").
Wanneer de opties uitgeoefend worden, worden de verkregen opbrengsten netto van de direct toewijsbare transactiekosten gecrediteerd ten opzichte van het aandelenkapitaal (nominale waarde) en de uitgiftepremie.
De sociale zekerheidsbijdragen die te betalen zijn in verband met de toekenning van de aandelenopties worden beschouwd als een integraal deel van de toekenning zelf en de kost wordt behandeld als een in geldmiddelen afgewikkelde transactie.
FIN-4.1.19 Voorzieningen en voorwaardelijke verplichtingen
Voorzieningen zijn opgenomen in de balans wanneer (1) de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft als gevolg van gebeurtenissen in het verleden; (2) het waarschijnlijk is dat een betaling vereist zal zijn om de verplichting af te wikkelen; (3) en het bedrag op betrouwbare wijze kan geschat worden. Waar er meerdere gelijkaardige verplichtingen zijn, wordt de waarschijnlijkheid dat er een betaling vereist zal zijn, gebaseerd op de categorie van de verplichtingen in zijn geheel.
Voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting nodig zijn om de verplichting af te wikkelen met behulp van een disconteringsvoet, vóór belastingen, die de huidige marktcondities van de tijdswaarde van geld en de specifieke risico's van de verplichting goed weergeeft. De toename van de voorziening door het verstrijken van tijd is in de balans opgenomen als zijnde financiële kosten.
Als de Groep een verlieslatend contract heeft, wordt dit in de balans opgenomen als een voorziening. Voorzieningen voor herstructurering omvatten boetes voor het beëindigen van lease overeenkomsten en ontslagvergoedingen voor werknemers. Voorzieningen voor toekomstige exploitatieverliezen zijn niet opgenomen in de balans.
Een voorziening voor herstructurering wordt alleen opgenomen als de Groep op de balansdatum een feitelijke verplichting kan aantonen om te herstructureren. De feitelijke verplichting moet worden aangetoond door: (a) een gedetailleerd formeel plan waarin de hoofdelementen van de herstructurering zijn vastgelegd, en (b) het wekken van een geldige verwachting bij de betrokkenen dat de herstructurering zal worden doorgevoerd door een aanvang te nemen met de uitvoering van het plan of door de hoofdlijnen ervan mee te delen aan de betrokkenen.
Voorwaardelijke verplichtingen worden toegelicht wanneer Ontex een mogelijke verplichting kan hebben afhankelijk van een onzekere gebeurtenis, of wanneer een huidige verplichting bestaat, maar de betaling hiervan is niet waarschijnlijk of het te betalen bedrag kan niet nauwkeurig bepaald worden.
FIN-4.1.20 Winstbelastingen
Winstbelasting is de som van de verschuldigde actuele en uitgestelde belastingverplichtingen.
De verschuldigde actuele winstbelastingskost is berekend op basis van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces materieel is afgesloten tegen het einde van de rapportageperiode in de landen waar de dochterondernemingen van de Groep actief zijn en belastbaar inkomen genereren. Zoals bepaald in IAS 12 §46 "Winstbelastingen", evalueert het management op periodieke wijze de ingenomen posities in de belastingaangiften met betrekking tot situaties waarin de geldende fiscale wetgeving onderhevig is aan interpretatie en stelt waar nodig bijkomende verplichtingen op die gebaseerd zijn op de verwachte bedragen die verschuldigd zijn aan de belastingautoriteiten. Deze evaluatie gebeurt voor alle fiscale periodes die nog kunnen gecontroleerd worden door de bevoegde instanties.
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zijn op de periode waarin de vordering wordt gerealiseerd of de verplichting wordt afgewikkeld, op basis van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces materieel is afgesloten tegen het einde van de rapportageperiode.
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen voor tijdelijke verschillen tussen de fiscale boekwaarde van activa en verplichtingen en hun boekwaarde in de geconsolideerde jaarrekening zijn opgenomen in de balans.
Uitgestelde belastingverplichtingen zijn echter niet opgenomen in de balans voor:
- de eerste opname van goodwill; en
- de eerste opname van een actief of verplichting in een transactie anders dan een bedrijfscombinatie die op het moment van de transactie geen invloed heeft op de commerciële winst of de fiscale winst (het fiscaal verlies).
Uitgestelde belastingvorderingen voor tijdelijke verschillen die ontstaan op investeringen in dochterondernemingen en geassocieerde deelnemingen, behalve voor uitgestelde
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
belastingverplichtingen waarbij het tijdstip van de terugname van het tijdelijke verschil onder controle staat van de Groep en het waarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil niet zal worden teruggeboekt in de voorzienbare toekomst, zijn opgenomen in de balans.
Uitgestelde belastingverplichtingen zijn doorgaans opgenomen voor alle belastbare tijdelijke verschillen.
Uitgestelde belastingvorderingen voor alle aftrekbare tijdelijke verschillen zijn doorgaans opgenomen, in die mate dat het waarschijnlijk is dat er belastbare winst beschikbaar zal zijn waarmee die aftrekbare tijdelijke verschillen kunnen worden gecompenseerd. De boekwaarde van uitgestelde belastingvorderingen wordt beoordeeld aan het einde van elke rapportageperiode en verminderd voor zover het niet langer waarschijnlijk is dat voldoende belastbare winsten beschikbaar zullen zijn om het hele actief of een deel ervan terug te vorderen.
Uitgestelde belastingvorderingen worden berekend op het niveau van elke fiscale entiteit in de Groep. De Groep is in staat om de uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen te vereffenen indien de uitgestelde belastingvorderingen betrekking hebben op belastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit.
FIN-4.1.21 Financiële verplichtingen
Financiële verplichtingen (inclusief leningen en handels- en overige schulden) worden geklasseerd tegen geamortiseerde kostprijs, behalve voor afgeleide financiële instrumenten (zie toelichting FIN-4.1.22).
Leningen worden initieel opgenomen tegen reële waarde na aftrek van transactiekosten. Leningen worden vervolgens geëvalueerd tegen geamortiseerde kostprijs; elk verschil tussen de opbrengst (na aftrek van transactiekosten) en de aflossingswaarde is opgenomen in de jaarrekening over de looptijd van de lening op basis van de effectieve-rentemethode. Leningen worden geclassificeerd als kortlopende verplichtingen tenzij de Groep een onvoorwaardelijk recht heeft om de afwikkeling van de verplichting tot ten minste 12 maanden uit te stellen na het einde van de verslagperiode.
De effectieve-rentemethode is een methode voor het berekenen van de geamortiseerde kostprijs van een financiële verplichting en de toewijzing van interestkosten over de relevante periode. De effectieve rentevoet is de rentevoet die de geschatte toekomstige betalingen (inclusief alle betaalde of ontvangen vergoedingen en prijsfluctuaties die een integraal onderdeel vormen van de effectieve rentevoet, transactiekosten en andere premies of kortingen) gedurende de verwachte levensduur van de financiële verplichting verdisconteert, of, in voorkomend geval, een kortere periode, tegen de netto boekwaarde bij de eerste opname.
Wanneer een financiële verplichting die gewaardeerd is aan geamortiseerde kostprijs wordt aangepast zonder dat dit resulteert in een niet meer opname van de verplichting, zal een winst of verlies geboekt worden in de resultatenrekening. De winst of het verlies wordt berekend als het verschil tussen de oorspronkelijke contractuele kasstromen en de aangepaste, verdisconteerde kasstromen aan de oorspronkelijke, reële interestvoet.
Financiële activa en verplichtingen worden gecompenseerd en het nettobedrag wordt in de balans gerapporteerd wanneer er een juridisch afdwingbaar recht bestaat om de opgenomen bedragen te compenseren en er de intentie is om het actief op een netto basis af te wikkelen of te realiseren, en de verplichting tegelijkertijd af te wikkelen.
FIN-4.1.22 Afgeleide financiële instrumenten
De Groep beschikt over een verscheidenheid aan afgeleide financiële instrumenten om de blootstelling aan rente- en valutarisico's en grondstofrisico's te beheersen, waaronder valutatermijncontracten, contracten voor de indekking van grondstofprijzen en rente-CAP's en SWAP's.
Derivaten worden boekhoudkundig verwerkt in overeenstemming met IFRS 9. Derivaten zijn initieel opgenomen tegen reële waarde op de datum waarop de derivatencontracten zijn aangegaan, en worden vervolgens geherwaardeerd tegen hun reële waarde aan het einde van elke rapportageperiode. De resulterende opbrengsten of kosten worden onmiddellijk opgenomen in de winst- of verliesrekening, tenzij het derivaat bedoeld is en effectief is als indekkingsinstrument, in welk geval de timing van de opname in de winst- of verliesrekening afhangt van de aard van de indekkingsrelatie.
De reële waarde van de verschillende afgeleide instrumenten wordt gerapporteerd in toelichting FIN-4.5. De volledige reële waarde van een derivaat wordt geclassificeerd als een langlopend actief of verplichting wanneer de resterende looptijd van het onderliggende ingedekte element langer is dan 12 maanden en als vlottend actief of verplichting wanneer de resterende looptijd van het onderliggende ingedekte element korter is dan 12 maanden.
Als er geen hedge accounting wordt toegepast, neemt de Groep alle opbrengsten en kosten die voortvloeien uit wijzigingen in de reële waarden van de derivaten op in de geconsolideerde resultatenrekening in "Overige bedrijfsopbrengsten/(-kosten), netto" als ze betrekking hebben op bedrijfsactiviteiten, en in "Financiële opbrengsten" of "Financiële kosten" als ze betrekking
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
hebben op de financieringsactiviteiten van de Groep (bv. renteswaps met betrekking tot de leningen met variabele rente).
FIN-4.1.23 Hedge accounting
De Groep duidt bepaalde indekkingsinstrumenten aan als kasstroomindekkingen als ze derivaten omvatten ten aanzien van vreemde valutarisico's en grondstoffen. Indekkingen van vreemde valutarisico's op vaststaande toezeggingen worden boekhoudkundig verwerkt als kasstroomindekkingen.
Bij de aanvang van de indekkingsrelatie documenteert de entiteit de relatie tussen het indekkingsinstrument en de ingedekte post, samen met de risicobeheerdoelstellingen en strategie voor het ondernemen van verschillende indekkingstransacties. Bovendien documenteert de Groep bij het aangaan van de indekking en op een continue basis of het indekkingsinstrument zeer effectief is bij de compensatie van wijzigingen in de reële waarde, of kasstromen van de ingedekte post toerekenbaar aan het ingedekte risico.
Het effectieve deel van wijzigingen in de reële waarde van derivaten die aangeduid worden en in aanmerking komen als kasstroomindekkingen, wordt opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat en gecumuleerd onder de noemer van kasstroom indekkingsreserve. De opbrengsten of kosten met betrekking tot het niet-effectieve deel worden onmiddellijk opgenomen in de winst- of verliesrekening, en zijn ondergebracht in de post "Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten), netto".
Bedragen die voorheen waren opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat en gecumuleerd werden in het eigen vermogen, worden gereclassificeerd naar de winst- of verliesrekening in de periodes wanneer de ingedekte post is opgenomen in de winst- of verliesrekening, in dezelfde regel van de geconsolideerde resultatenrekening als de opgenomen ingedekte post. Echter, wanneer de ingedekte verwachte transactie resulteert in de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting, worden de opbrengsten en kosten die voorheen waren opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat en gecumuleerd in het eigen vermogen, overgebracht van het eigen vermogen en opgenomen in de initiële waardering van de kosten van het niet-financieel actief of de nietfinanciële verplichting.
Hedge accounting wordt niet verdergezet wanneer de Groep de indekkingsrelatie herroept, wanneer het indekkingsinstrument afloopt of is verkocht, beëindigd of uitgeoefend, of wanneer het niet meer in aanmerking komt voor hedge accounting. Alle baten of lasten, opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat, blijven in het eigen vermogen en zijn opgenomen in de balans wanneer de verwachte transactie uiteindelijk is opgenomen in winst of verlies. Als een toekomstige transactie niet langer waarschijnlijk blijkt, worden de baten of lasten gecumuleerd in het eigen vermogen direct opgenomen in de winst- of verliesrekening.
FIN-4.1.24 Operationele segmenten
De activiteiten van de Groep bevinden zich in één segment. Er zijn geen andere belangrijke klassen van bedrijfsactiviteiten, noch individueel noch gezamenlijk. Het hoogste operationele beslissingsorgaan, de Raad van Bestuur, kijkt de bedrijfsresultaten (gedefinieerd als EBITDA) en operationele plannen na, en wijst middelen toe voor de hele onderneming; dus de Groep opereert als één segment.
FIN-4.1.25 Kasstroomoverzicht
De kasstromen van de Groep worden gepresenteerd volgens de indirecte methode. Deze methode reconcilieert de mutatie van kasstromen voor de rapportageperiode door de nettowinst van het jaar voor alle niet-kasposten en wijzigingen in werkkapitaal aan te passen, en investerings- en financieringskasstromen voor de rapportageperiode te identificeren.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.2 Alternatieve Prestatiemaatstaven
Alternatieve prestatiemaatstaven (niet-IFRS maatstaven) worden opgenomen in de financiële rapportage omdat het management ervan overtuigd is dat deze veel gebruikt worden door bepaalde investeerders, beursanalisten en andere belanghebbenden als bijkomende maatstaf voor het beoordelen van prestaties en liquiditeit. De alternatieve prestatiemaatstaven kunnen in sommige gevallen niet vergelijkbaar zijn met gelijkaardig genoemde indicatoren van andere ondernemingen en hebben hun beperkingen als analytisch instrument. Ze mogen niet afzonderlijk beschouwd worden of ter vervanging van de analyse van onze operationele resultaten, onze prestatie of onze liquiditeit onder IFRS.
FIN-4.2.1 EBITDA aanpassingen
De componenten die opgenomen zijn onder de rubriek EBITDA aanpassingen zijn deze componenten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de transacties, projecten en aanpassingen van de waarde van activa en passiva binnen het kader van de gewone bedrijfsactiviteiten van de Groep. Deze opbrengsten en kosten worden afzonderlijk gepresenteerd omdat ze belangrijk zijn voor een goed begrip door de gebruikers van de geconsolideerde jaarrekening van de "normale" prestaties van de Groep vanwege hun omvang of aard.
De EBITDA aanpassingen hebben betrekking op:
- kosten verbonden aan overnames en desinvesteringen;
- wijzigingen in de waardering van de voorwaardelijke vergoedingen in het kader van bedrijfscombinaties;
- wijzigingen in de groepsstructuur, kosten met betrekking tot herstructurering van de activiteiten, met inbegrip van kosten die betrekking hebben op de vereffening van dochterondernemingen en de sluiting, opening of verplaatsing van fabrieken;
- bijzondere waardeverminderingen op activa en significante geschillen.
EBITDA aanpassingen van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december bestaan uit volgende componenten in de geconsolideerde resultatenrekening en kunnen gereconcilieerd worden in toelichting FIN-4.24:
- opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur; en
- opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen.
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.2.2 Aangepaste EBITDA
De aangepaste EBITDA wordt gedefinieerd als netto resultaat vóór aftrek van netto financiële kosten, winstbelastingen en afschrijvingen. (gewoonlijk gedefinieerd als EBITDA) plus EBITDAaanpassingen. De aangepaste EBITDA-marge is de aangepaste EBITDA gedeeld door omzet.
De aansluiting van de aangepaste EBITDA van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december is als volgt:
| Boekjaar | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | |||||
| Voortgezette | Beëindigde | Totale | Voortgezette | Beëindigde | Totale | |
| in miljoen € | activiteiten | activiteiten | Groep | activiteiten | activiteiten | Groep |
| Omzet | 1.761,6 | 111,2 | 1.872,8 | 1.860,5 | 306,9 | 2.167,4 |
| Bedrijfsresultaat | 79,0 | (187,8) | (108,8) | 75,8 | 2,1 | 77,9 |
| Afschrijvingen | 77,5 | 0,0 | 77,5 | 74,1 | 0,0 | 74,1 |
| EBITDA | 156,5 | (187,8) | (31,4) | 149,9 | 2,1 | 152,0 |
| EBITDA aanpassingen: | 19,1 | 196,5 | 215,6 | 72,7 | 27,1 | 99,9 |
| Kosten en opbrengsten gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur | 6,2 | 196,5 | 202,7 | 61,9 | 51,6 | 113,5 |
| Kosten en opbrengsten gerelateerd aan waardeverminderingen en significante geschillen | 13,0 | (0,0) | 12,9 | 10,8 | (24,5) | (13,7) |
| Aangepaste EBITDA | 175,6 | 8,6 | 184,2 | 222,6 | 29,2 | 251,9 |
| Aangepaste EBITDA marge | 10,0% | 7,7% | 9,8% | 12,0% | 9,5% | 11,6% |
Verdere informatie met betrekking tot de EBITDA aanpassingen kan gevonden worden in toelichting FIN-4.24 voor de voortgezette activiteiten en toelichting FIN-4.8 voor de beëindigde activiteiten.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.2.3 Netto financiële schuld / LTM aangepaste EBITDA ratio (hefboomratio)
Netto financiële schuld wordt berekend door de korte termijn- en lange termijnschuld op te tellen en de geldmiddelen en kasequivalenten af te trekken. LTM aangepaste EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA behalve EBITDA aanpassingen voor de laatste twaalf maanden (LTM). De netto financiële schuld/LTM Aangepaste EBITDA ratio van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december wordt als volgt weergegeven:
| 31 december | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | |||||
| in miljoen € | Voortgezetteactiviteiten | Beëindigdeactiviteiten | TotaleGroep | Voortgezetteactiviteiten | Beëindigdeactiviteiten | TotaleGroep |
| Langlopende rentedragende leningen | 518,1 | - | 518,1 | 667,1 | 10,9 | 678,0 |
| Kortlopende rentedragende leningen | 129,3 | - | 129,3 | 53,1 | 5,2 | 58,3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | (70,4) | - | (70,4) | (56,9) | (67,3) | (124,2) |
| Netto financiëleschuldpositie | 577,0 | - | 577,0 | 663,3 | (51,2) | 612,0 |
| [32]Aangepaste EBITDA (LTM) | 175,6 | (0,0) | 175,6 | 222,6 | 25,7 | 248,3 |
| Hefboomratio | 3,29x | 2,46x |
[32] De LTM aangepaste EBITDA voor 2025 is exclusief de contributie van 8,6 miljoen € van de Braziliaanse en Turkse activiteiten, die werden verkochten gedurende 2025. De LTM aangepaste EBITDA voor 2024 is exclusief de contributie van 3,5 miljoen € van de Algerijnse en Pakistaanse activiteiten die werden verkocht in de eerste jaarhelft van 2024.
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.2.4 Vrije kasstroom
De vrije kasstroom wordt gedefinieerd als de netto kasstroom gegenereerd uit bedrijfsactiviteiten (zoals weergegeven in het geconsolideerde kasstroomoverzicht, d.w.z. inclusief betaalde winstbelastingen) verminderd met investeringsuitgaven (gedefinieerd als aankopen van materiële vaste activa en immateriële activa), verminderd met de aflossing van leaseverplichtingen en met inbegrip van geldmiddelen (gebruikt in)/uit vervreemding, min de financieringskasstromen, d.w.z. betaalde en ontvangen interesten, en overige financieringskasstromen (Andere financieringskosten, gerealiseerde wisselkoers(verliezen) /winsten op financieringsactiviteiten en afgeleide financiële activa).
De vrije kasstroom van de Groep voor de jaren eindigend op 31 december is als volgt:
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Bedrijfsresultaat | 79,0 | 75,8 |
| Afschrijvingen | 77,5 | 74,1 |
| EBITDA | 156,5 | 149,9 |
| EBITDA uit beëindigde activiteiten | (187,8) | 2,1 |
| Niet-monetaire elementen en elementen verbonden aaninvesterings-en financieringsactiviteiten | 185,1 | 61,0 |
| Voorraden | 16,7 | (45,4) |
| Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten enoverige vorderingen | (1,5) | (16,3) |
| Handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden | (16,6) | 70,8 |
| Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | (12,3) | 4,0 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 140,0 | 226,0 |
| Betaalde winstbelastingen | (16,2) | (10,3) |
| Nettokasstroom uit operationele activiteiten | 123,9 | 215,7 |
| Investeringsuitgaven | (81,1) | (112,4) |
| Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste enimmateriële activa | 0,2 | 0,2 |
| Terugbetaling van leaseverplichtingen | (25,0) | (24,8) |
| Vrije kasstroom vóór financiering | 18,0 | 78,7 |
| Betaalde & ontvangen interesten | (35,1) | (30,4) |
| Overige financiële kasstromen | (8,0) | (0,4) |
| Vrije kasstroom | (25,1) | 47,9 |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.2.5 Aangepaste gewone winst en aangepaste gewone winst per aandeel
Aangepaste gewone winst wordt gedefinieerd als winst voor de periode behalve EBITDA aanpassingen en belastingeffect op EBITDA aanpassingen, toewijsbaar aan de aandeelhouders van de Groep. Aangepaste gewone winst per aandeel is aangepaste gewone winst gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen. De aangepaste gewone winst per aandeel voor de perioden eindigend op 31 december wordt weergegeven in toelichting FIN-4.16.
FIN-4.2.6 Netto werkkapitaal
De componenten van ons netto werkkapitaal zijn de voorraden plus de handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen plus handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden.
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Voorraden | 274,7 | 292,9 |
| Handelsvorderingen | 186,8 | 204,1 |
| Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | 78,7 | 67,2 |
| Handelsschulden | (432,7) | (440,1) |
| Toegerekende kosten en overige schulden | (18,5) | (21,1) |
| Netto werkkapitaal | 89,0 | 103,0 |
FIN-4.2.7 Alternatieve prestatiemaatstaven opgenomen in de persberichten en andere gereglementeerde informatie
Omzet op vergelijkbare basis (LFL)
Omzet op vergelijkbare basis of LFL (Like-For-like) wordt gedefinieerd als de omzet aan constante wisselkoers exclusief wijzigingen in de consolidatiekring door fusies en acquisities en hyperinflatie.
| in miljoen € | 2024 | Volume | Prijs/mix | 2025 LFL | Wisselkoers | 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Voortgezette activiteiten | 1.860,5 | (93,5) | 2,6 | 1.769,6 | (8,0) | 1.761,6 |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.3 Kapitaalbeheer
De doelstellingen van de Groep met betrekking tot het beheren van kapitaal zijn er op gericht om de continuïteit van het bedrijf te garanderen met als doel de creatie van aandeelhouderswaarde.
De Groep bewaakt het kapitaal op basis van de netto financiële schuldpositie en haar hefboomratio. De netto financiële schuldpositie van de Groep wordt berekend door alle kortlopende en langlopende rentedragende schulden bij elkaar op te tellen en daar de beschikbare kortlopende liquide middelen van af te trekken.
De hefboomratio wordt berekend als de netto financiële schuldpositie gedeeld door de LTM aangepaste EBITDA (d.w.z. EBITDA behalve EBITDA aanpassingen voor de laatste twaalf maanden (LTM)).
De netto financiële schuldpositie en de hefboomratio van de Groep voor de boekjaren afgesloten op 31 december is als volgt:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Langlopende rentedragende schulden | 518,1 | 678,0 |
| Kortlopende rentedragende schulden | 129,3 | 58,3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | (70,4) | (124,2) |
| Netto financiële schuldpositie | 577,0 | 612,0 |
| LTM aangepaste EBITDA | 175,6 | 248,3 |
| Netto financiële schuldpositie/LTM aangepaste EBITDA ratio | 3,29 | 2,46 |
Voor meer informatie over de bestaande schuldconvenanten gerelateerd aan de beschikbare kredietfaciliteiten, zie toelichting FIN-4.4.
FIN-4.4 Kritische boekhoudkundige inschattingen en beoordelingen
De in de geconsolideerde jaarrekening gepresenteerde bedragen impliceren het gebruik van inschattingen en veronderstellingen aangaande de toekomst. Inschattingen en beoordelingen worden voortdurend herzien en zijn gebaseerd op historische ervaringen en andere factoren, zoals verwachtingen betreffende toekomstige gebeurtenissen waarvan wordt aangenomen dat ze redelijk zijn in de desbetreffende omstandigheden. De werkelijke bedragen kunnen afwijken van deze inschattingen. De inschattingen en veronderstellingen die van invloed zouden kunnen zijn op de geconsolideerde jaarrekening worden hieronder besproken.
FIN-4.4.1 Liquiditeitssituatie
De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van het continuïteitsbeginsel, dat ervan uitgaat dat de activa zullen worden gerealiseerd en de passiva zullen worden voldaan in de normale bedrijfsvoering.
Op 27 november 2024 is de Groep een nieuwe wentelkredietfaciliteit aangegaan, ter vervanging van de vorige van 242,5 miljoen € met een vervaldatum in december 2025. De huidige wentelkredietfaciliteit heeft een maximumbedrag van 270,0 miljoen € tot de vervaldag, d.w.z. november 2029. Voor deze nieuwe wentelkredietfaciliteit geldt één financieel convenant, namelijk een hefboomconvenant, die getest wordt op 30 juni en 31 december van elk jaar. De hefboomratio van de netto financiële schuld over de aangepaste EBITDA van de laatste twaalf maanden mag niet hoger zijn dan 3,50x gedurende alle verslagperioden, met uitzondering van een eenmalige verhoging tot 3,75x.
Op 3 april 2025 herfinancierde de Groep haar niet-achtergestelde obligaties ter waarde van 580,0 miljoen € met vervaldatum in juli 2026, door nieuwe niet-achtergestelde obligaties met een interestpercentage van 5,25% en vervaldatum in 2030 voor een bedrag van 400,0 miljoen €. De niet-achtergestelde obligaties hebben geen onderhoudsconvenanten waaraan voldaan moet worden. Volgend op de lancering van het aanbod tot aankoop in cash in maart en welke werd afgerond in april 2025, die werd aanvaard voor 283,1 miljoen € van de initieel uitstaande 580,0 miljoen €, was het resterend uitstaande bedrag 296,9 miljoen €. De Groep loste de resterend uitstaande niet-achtergestelde obligaties, plus opgebouwde en onbetaalde rente, af op 15 juli 2025.
De Groep voldeed aan alle vereisten van de leningsconvenant van de beschikbare kredietfaciliteiten doorheen de gerapporteerde periode. Het management heeft gedetailleerde
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
budgetten en kasstroomprognoses opgesteld voor de komende jaren, die de strategie van de Groep weerspiegelen. Het management erkent dat er onzekerheden zijn in deze budgetoefeningen, maar is ervan overtuigd dat het de vooropgestelde convenant zal behalen.
FIN-4.4.2 Winstbelastingen
De Groep heeft fiscale verliezen en andere belastingskredieten die gebruikt kunnen worden om toekomstige belastbare winsten te verrekenen, voornamelijk in België, Frankrijk, Verenigde Staten en Spanje voor een bedrag van 669,0 miljoen € per 31 december 2025 (633,8 miljoen € op 31 december 2024).
De Groep heeft slechts voor 141,0 miljoen € aan fiscale verliezen en andere belastingskredieten opgenomen als uitgestelde belastingvorderingen van de 669,0 miljoen € vermeld hierboven. De waardering van dit actief is afhankelijk van een aantal belangrijke beoordelingen met betrekking tot toekomstige waarschijnlijke belastbare winst van verschillende dochterondernemingen van de Groep die actief zijn in verschillende rechtsgebieden. Deze schattingen worden zorgvuldig gemaakt en gebaseerd op de kennis op dat moment.
De Groep maakt gebruik van significante beoordelingen in het bepalen van onzekerheden over fiscale behandelingen. Gezien de Groep in een complexe multinationale omgeving actief is, oordeelt ze of bepaalde onzekere belastingvoorzieningen moeten opgenomen worden in de geconsolideerde jaarrekening (op basis van de vereisten van IFRIC 23).
De Europese Commissie (EC) heeft het Belgisch fiscale regime van "Excess Profit tax Rulings" (EPR) in vraag gesteld. Volgens de Commissie is dit regime een vorm van ongeoorloofde staatssteun. Ontex, meer bepaald haar Belgische dochtervennootschap Ontex BV, had een "Excess Profit Ruling" voor de jaren 2011-2015. Ontex heeft beroep aangetekend tegen de EC beslissing. Het Europees Hof van Justitie heeft op 14 februari 2019 uitspraak gedaan over de gezamenlijke zaak van de Belgische Staat tegen de EC en Magnetrol International tegen de EC. Het Hof vernietigt de beslissing van de Commissie omdat de Commissie het systeem van de EPR ten onrechte als staatssteun beschouwt. De Europese Commissie is tegen de beslissing van het Gerecht van 14 februari 2019 in beroep gegaan bij het Europees Hof van Justitie en in september 2021 heeft het Hof besloten dat de procedure met betrekking tot de EPR-beslissing moet worden heropend voor het Gerecht van de EU. De beslissing van het Gerecht van 20 september 2023 bevestigde de EC beslissing. Ontex ging op 6 december 2023 in beroep tegen de beslissing van 20 september 2023 bij het Europees Hof van Justitie en wacht de uitkomst af.
Verder heeft de Europese Commissie in september 2019 formele onderzoeksprocedures ten aanzien van elk individueel EPR, met inbegrip van deze van Ontex, ingeleid, omdat ze van oordeel is dat elk EPR illegale staatssteun toekent, ook al doet het EPR-systeem dat niet. De formele onderzoeksprocedure ten aanzien van de EPR van Ontex is lopende en het is onduidelijk wanneer een finale beslissing moet worden verwacht. Ontex zal het recht hebben om beroep aan te tekenen tegen elke beslissing die zou concluderen dat Ontex illegale staatssteun zou verkregen hebben. Een dergelijk beroep zal een zekere tijd in beslag nemen om gehoord te worden.
Ontex had in zijn belastingspositie ten volle rekening gehouden met de impact van het feit dat het beroep van de Commissie dat het EPR-systeem onwettige staatssteun vormt, zou slagen. Aangezien de uitkomst van beide procedures nog niet finaal is, zal Ontex de betreffende voorzieningen momenteel nog niet laten vrijvallen.
FIN-4.4.3 Bedrijfscombinaties
Voor bedrijfscombinaties dient de Groep veronderstellingen en inschattingen te maken om de toewijzing van de aankoopprijs van de overgenomen activiteit te kunnen bepalen. Teneinde dit te doen, moet de Groep op overnamedatum de reële waarde bepalen van de identificeerbare verworven activa en de aangegane verplichtingen. Deze veronderstellingen en inschattingen hebben een impact op de bedragen van de activa en verplichtingen die worden opgenomen in de balans op overnamedatum. Bovendien vereisen de bepaling van de verwachte gebruiksduur van de verworven materiële vaste activa, de identificatie van andere immateriële activa en de bepaling van hetzij onbeperkte of beperkte gebruiksduur van andere immateriële activa, een aanzienlijke graad van inschatting en zal dit een impact hebben op de winst of verlies van de Groep.
FIN-4.4.4 Bijzondere waardeverminderingsverliezen
De Groep test jaarlijks of de goodwill een bijzonder waardeverminderingsverlies heeft ondergaan in overeenstemming met de grondslagen voor financiële verslaggeving opgenomen in toelichting FIN-4.1.4. Deze test op bijzondere waardeverminderingsverliezen van goodwill heeft in 2025 geen bijzonder waardeverminderingsverlies tot gevolg gehad, noch in 2024. Voor meer gedetailleerde informatie, zie toelichting FIN-4.9.
De Groep onderscheidt de volgende kasstroomgenererende eenheden:
- Europa
- Rusland
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
• Noord-Amerika
De realiseerbare waarden van kasstroomgenererende eenheden worden bepaald op basis van berekeningen van de bedrijfswaarde. Deze berekeningen vereisen het gebruik van inschattingen en veronderstellingen, met inbegrip van macro-economische omstandigheden, de vraag en concurrentie op de markten waarop we actief zijn, het productaanbod, de productmix en prijszetting, de beschikbaarheid en de kostprijs van grondstoffen, directe en indirecte kosten, de operationele marges, groeivoeten, investeringsuitgaven en werkkapitaal,... zoals weerhouden in de financiële budgetten en de strategische plannen van Ontex, alsook de disconteringsvoeten.
Klimaatgerelateerde aangelegenheden
Bij de voorbereiding van haar testen op bijzondere waardeverminderingen houdt de Groep ook rekening met klimaatrisico's. Een klimaatrisicobeoordeling is uitgevoerd tijdens 2023 en herbekeken in 2024, gericht op zowel fysieke als transitierisico's om de Groep beter voor te bereiden op de gevolgen van klimaatverandering en deze te beperken. In 2025 heeft Ontex zijn fysieke klimaatrisicoanalyse herzien, waarbij zowel de tijdshorizon 2030 als 2050 werd onderzocht. Deze analyse richtte zich op het identificeren van kwetsbaarheden, het verbeteren van de paraatheid en het proactief beperken van de gevolgen van klimaatverandering.
De belangrijkste resultaten zijn:
-
Wat betreft fysieke risico's beoordeelde Ontex operationele verstoringen als gevolg van extreem weer, met bijzondere aandacht voor productiesites en kwetsbaarheden in de toeleveringsketen. Onder het IPCC RCP 8.5 (BAU 3.2–4.5)-scenario werden klimaatgerelateerde risico's geëvalueerd op basis van verschillende factoren, waaronder de waarde van activa en mogelijke omzetverliezen, uitgaande van de veronderstelling dat bepaalde productiesites kunnen worden vertraagd of tijdelijk stilgelegd door specifieke klimaatgebeurtenissen. De beoordeling hield ook rekening met de waarschijnlijkheid van elk klimaatrisico op de locatie van elke productiesite, evenals met de mitigerende maatregelen die reeds genomen zijn om de sites tegen deze risico's te beschermen.
-
Tegen 2050 kunnen klimaatgerelateerde gevaren verhoogde risico's vormen voor Ontex, in het bijzonder overstromingen en hevige stormen, die kunnen leiden tot schade aan activa en onderbreking van de bedrijfsvoering.
-
De eerdere studie van Ontex uit 2023 onderzocht transitierisico's en -kansen. De belangrijkste bevindingen worden hieronder weergegeven.
-
Ontex heeft ook de transitierisico's in het IPPC RCP 2.6-scenario (1.5-2.0) bekeken, zoals koolstofbelastingen en komende EU-regelgeving. Deze analyse heeft de potentiële financiële gevolgen van de prijszetting van koolstof over een periode van 30 jaar benadrukt, afgezet tegen potentiële verliezen van EBITDA. Het versnellen van de decarbonisatie, door middel van investeringen in nieuwe machines en technologie, werd gezien als een noodzakelijke maar dure onderneming.
-
Mogelijkheden zoals overheidsfinanciering en belastingincentives werden geïdentificeerd om de decarbonisatie-inspanningen en innovatiedoelstellingen te ondersteunen.
-
Vroege investeringen in decarbonisatie kunnen hogere initiële kosten met zich meebrengen, maar bieden op lange termijn waarde in vergelijking met ongeregelde transities, die duurder zouden uitvallen als de vermindering van de koolstofintensiteit wordt uitgesteld. Ontex heeft geen activa of bedrijfsactiviteiten geïdentificeerd die onverenigbaar zijn met de transitie naar een klimaatneutrale economie. Dit versterkt haar vermogen om zich aan te passen aan de veranderende klimaatvereisten en tegelijk de BKG-uitstoot te verminderen
Hoewel de Groep in zekere mate is blootgesteld aan verschillende klimaatgerelateerde risico's, werd geconcludeerd dat deze geen materiële impact hebben op de huidige testen voor bijzondere waardevermindering, aangezien ze alleen een impact hebben op de lange termijn en de Groep ervan overtuigd is dat het al de nodige maatregelen heeft genomen of in staat zal zijn deze te nemen om de blootstelling aan de huidige risico's te beperken. De Groep zal klimaatgerelateerde risico's blijven monitoren en mitigeren door middel van een mitigatieplan.
Sensitiviteitsanalyse
Voor meer informatie met betrekking tot de uitgevoerde test op bijzondere waardevermindering, zie toelichting FIN-4.9. De gebruikte disconteringsvoeten worden hieronder samengevat:
| Disconteringsvoet voor belastingen | Boekjaar | |
|---|---|---|
| 2025 | 2024 | |
| Europa | 8,8% | 9,4% |
| Noord-Amerika | 8,6% | 8,9% |
| Rusland | 20,4% | 22,4% |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Als gevolg van de op de KGE "Rusland" geboekte waardevermindering is aan deze KGE geen goodwill meer toegerekend sinds december 2022.
Een sensitiviteitsanalyse toont dat de realiseerbare waarde van Europa, Noord-Amerika en Rusland zou overeenstemmen met hun boekwaardes indien de discontovoet vóór belastingen van de KGE's respectievelijk 16,3%, 12,1% en 22,4% zou bedragen, met alle andere parameters constant gehouden.
Zoals vermeld in toelichting FIN-4.9, worden kasstromen over een periode van meer dan vier jaar geëxtrapoleerd op basis van een groeivoet van 2,0% voor zowel Europa, Rusland als Noord-Amerika. Dezelfde percentages worden gebruikt als perpetuele groeivoeten. Het management heeft deze groeivoeten bepaald en deze overschrijden de huidige marktverwachtingen voor de markten waarin de twee KGE's actief zijn niet. Indien het lange termijn groeipercentage voor Europa of Noord-Amerika daalt met 40,0%, hoeft er geen bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen te worden.
Als de geschatte operationele marges voor Europa of Noord-Amerika zouden dalen met 20,0%, dan zou er geen bijzonder waardeverminderingsverlies moeten opgenomen worden.
Toekomstige kasstromen zijn inschattingen die waarschijnlijk in toekomstige perioden worden herzien als gevolg van wijzigingen in onderliggende veronderstellingen. De belangrijkste veronderstellingen die de waarde van de goodwill beïnvloeden, zijn o.a. langlopende rentevoeten en andere marktgegevens. Zouden de veronderstellingen ongunstig evolueren in de toekomst, dan kan de bedrijfswaarde van de goodwill afnemen tot onder de boekwaarde. Op basis van de huidige waarderingen lijkt er voldoende ruimte te zijn om een normale variatie in de onderliggende veronderstellingen te kunnen absorberen.
FIN-4.4.5 Verwachte gebruiksduur
De verwachte gebruiksduur van materiële vaste activa en immateriële activa moet worden geschat. De bepaling van de gebruiksduur van de activa is gebaseerd op het oordeel van het management. De gebruiksduur wordt elk jaar, aan het eind van het boekjaar, opnieuw herzien in overeenstemming met IAS 16 en IAS 38.
FIN-4.4.6 Reële waarde van afgeleide financiële instrumenten en andere financiële instrumenten
De reële waarde van financiële instrumenten die niet worden verhandeld op een actieve markt (bijvoorbeeld vrij verkrijgbare derivaten) wordt bepaald met behulp van waarderingstechnieken. De Groep gebruikt haar kennis om een verscheidenheid aan methoden te hanteren en om veronderstellingen te doen die voornamelijk gebaseerd zijn op bestaande marktomstandigheden aan het einde van elke rapportageperiode. Alle afgeleide financiële instrumenten zijn in overeenstemming met IFRS 7, niveau 2. Dit betekent dat er waarderingsmethoden worden gebruikt waarvoor alle inputs die een significante invloed hebben op de geboekte reële waarde waarneembaar zijn in de markt, hetzij direct of indirect.
FIN-4.4.7 Personeelsbeloningen
De boekwaarde van de verplichtingen van de Groep met betrekking tot personeelsbeloningen wordt bepaald op een actuariële basis rekening houdend met bepaalde veronderstellingen. Een van de belangrijkste toegepaste veronderstellingen bij de bepaling van de netto kosten van de toegekende beloningen is de disconteringsvoet. Elke wijziging van deze veronderstelling zal van invloed zijn op de boekwaarde van deze verplichtingen.
De disconteringsvoet is afhankelijk van de looptijd van de beloning, d.w.z. de gemiddelde looptijd van de overeenkomsten, gewogen met de contante waarde van de kosten verbonden aan deze overeenkomsten. Volgens IAS 19 moet de disconteringsvoet overeenkomen met het marktrendement van bedrijfsobligaties van hoge kwaliteit en die een vergelijkbare looptijd hebben als deze van de opgenomen beloningen en in dezelfde valuta.
FIN-4.4.8 Omzet-erkenning
Voor de toerekening van de volumekortingen (aan klanten en van leveranciers) wordt gebruik gemaakt van enige beoordelingen met betrekking tot het effect van commerciële beslissingen die de finale te ontvangen of te verkrijgen kortingen zullen beïnvloeden.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.4.9 Voor verkoop aangehouden groep van activa die wordt afgestoten en beëindigde bedrijfsactiviteiten
Na de strategische evaluatie die eind 2021 werd aangekondigd en begin 2022 werd bevestigd, kondigde de Groep aan dat het desinvesteringsopportuniteiten zal nastreven voor de activiteiten in de "Emerging Markets". De activiteiten in "Emerging Markets" werden en worden voornamelijk gedreven door eigen merken en omvatten in hoofdzaak de Centraal- en Zuid-Amerikaanse activiteiten, alsook die in het Midden-Oosten en Afrika.
Deze activiteiten zijn geclassificeerd als een groep activa die wordt afgestoten, aangehouden voor verkoop, en afzonderlijk gepresenteerd in de balans. De verkoop van de Centraal-Amerikaanse activiteiten voltrok zich in mei 2023. In de eerste jaarhelft van 2024 werd de verkoop van de Algerijnse en Pakistaanse activiteiten gerealiseerd, waardoor deze niet langer deel uitmaken van de voor verkoop aangehouden groep van activa per 31 december 2024. Gedurende 2025 werd de verkoop van de Braziliaanse en Turkse activiteiten afgerond, waardoor Ontex geen activiteiten meer aanhoudt in de Emerging Markets en als gevolg hiervan geen activa aangehouden voor verkoop meer heeft.
FIN-4.4.10 Activiteiten in Rusland
Ontex volgt de ontwikkelingen in het conflict tussen Rusland en Oekraïne op de voet, aangezien dit het vermogen van Ontex om in deze regio's te opereren, verstoort. Ontex concentreert zich in de eerste plaats op de veiligheid van zijn werknemers en de Groep verleent de nodige steun. Ontex heeft verkoop- en marketingkantoren in Rusland en Oekraïne en een productie-eenheid in Noginsk, nabij Moskou.
In 2025 genereerde Ontex ongeveer 104,9 miljoen € (2024: 95,0 miljoen €) omzet in haar Russische dochtervennootschap. De vaste activa in Rusland vertegenwoordigen 41,9 miljoen € (2024: 12,5 miljoen €) van de geconsolideerde vaste activa, waaronder voornamelijk machines en recht-op-gebruik activa (geleasde productiefaciliteiten). De contributie van de Russische activiteiten aan de Groep wordt beïnvloed door de jaar-over-jaar wisselkoers evolutie. De productie- en handelsactiviteiten worden voortgezet aangezien de Russische Ontex-activiteit essentiële verzorgingsproducten levert, maar deze zijn sterk afhankelijk van de levering van de nodige grondstoffen en hulpbronnen aan de lokale productiefaciliteit.
Vanaf het begin van de invasie van Oekraïne door Rusland heeft Ontex strenge voorwaarden gesteld aan de voortzetting van zijn activiteiten in Rusland, waaronder een investeringsstop door fondsen die niet gegenereerd zijn door de Russische activiteiten, een stop op de export uit Rusland naar andere Europese entiteiten en de aanpassing aan de wijzigende economische sancties en verstoringen van de bevoorrading. We hebben ons bedrijfsmodel aangepast om te voldoen aan de veranderende regelgeving inzake economische sancties. Dit heeft geleid tot de toenemende autonomie van de meeste lokale activiteiten in Rusland binnen een door de Groep gedefinieerd kader, waarbij de normen van Ontex inzake kwaliteit, veiligheid, financiële controles, rapportage en doelstellingen nageleefd kunnen blijven worden.
FIN-4.5 Financiële instrumenten en financieel risicobeheer
FIN-4.5.1 Overzicht van financiële instrumenten
Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle financiële instrumenten per categorie in overeenstemming met IFRS 9, van de reële waarde van elk instrument evenals de hiërarchie van de reële waarde:
| Aangewezen in een | Tegen geamortiseerde | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | afdekkingsrelatie | kostprijs | Reële waarde | Niveau reële waarde |
| 31 december 2025 | ||||
| Lopende vorderingen | 7,4 | 7,4 | Niveau 3 | |
| Handelsvorderingen | 186,8 | 186,8 | Niveau 2 | |
| Overige vorderingen | 78,7 | 78,7 | Niveau 2 | |
| Afgeleide financiële activa: | 1,9 | 1,9 | ||
| Vreemde valuta-termijncontracten | 1,9 | 1,9 | Niveau 2 | |
| Overige financiële activa | 33,5 | 33,5 | Niveau 2 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 70,4 | 70,4 | Niveau 2 | |
| Totaal financiële activa | 1,9 | 376,8 | 378,7 | |
| Rentedragende leningen – langlopend: | 518,1 | 521,0 | ||
| Niet-achtergestelde obligaties | 394,7 | 397,6 | Niveau 1 | |
| Lease & overige verplichtingen | 123,4 | 123,4 | Niveau 2 | |
| Afgeleide financiële verplichtingen: | 4,4 | 4,4 | ||
| Vreemde valutatermijncontracten | 3,1 | 3,1 | Niveau 2 | |
| Grondstoffen afdekkingscontracten | 1,3 | 1,3 | Niveau 2 | |
| Overige schulden - langlopend | 1,4 | 1,4 | Niveau 2 | |
| Rentedragende leningen – kortlopend: | 129,3 | 129,3 | ||
| Wentelkredietfaciliteit | 98,3 | 98,3 | Niveau 2 | |
| Toerekenbare interesten - overige | 9,7 | 9,7 | Niveau 2 | |
| Lease & overige verplichtingen | 21,3 | 21,3 | Niveau 2 | |
| Handelsschulden | 432,7 | 432,7 | Niveau 2 | |
| Overige schulden - kortlopend | 24,3 | 24,3 | Niveau 2 | |
| Totaal financiële verplichtingen | 4,4 | 1.105,8 | 1.113,1 |
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissaris | Informatie over dit rapport | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Aangewezen in een | Tegen geamortiseerde | |||||
| in miljoen € | afdekkingsrelatie | kostprijs | Reële waarde | Niveau reële waarde | ||
| 31 december 2024 | ||||
|---|---|---|---|---|
| Langlopende vorderingen | 11,1 | 11,1 | Niveau 3 | |
| Handelsvorderingen | 204,1 | 204,1 | Niveau 2 | |
| Overige vorderingen | 67,2 | 67,2 | Niveau 2 | |
| Afgeleide financiële activa: | 6,3 | 6,3 | ||
| Vreemde valuta-termijncontracten | 6,3 | 6,3 | Niveau 2 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 56,9 | 56,9 | Niveau 2 | |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 259,3 | 259,3 | Niveau 3 | |
| Totaal financiële activa | 6,3 | 598,7 | 605,0 | |
| Rentedragende leningen –langlopend: | 667,1 | 668,2 | ||
| Niet-achtergestelde obligaties | 577,2 | 578,3 | Niveau 1 | |
| Lease & overige verplichtingen | 89,9 | 89,9 | Niveau 2 | |
| Afgeleide financiële verplichtingen: | 2,0 | 2,0 | ||
| Vreemde valutatermijncontracten | 2,0 | 2,0 | Niveau 2 | |
| Overige schulden -langlopend | 2,0 | 2,0 | Niveau 2 | |
| Rentedragende leningen –kortlopend: | 53,1 | 53,1 | ||
| Wentelkredietfaciliteit | 24,0 | 24,0 | Niveau 2 | |
| Toerekenbare interesten -overige | 9,3 | 9,3 | Niveau 2 | |
| Lease & overige verplichtingen | 19,8 | 19,8 | Niveau 2 | |
| Handelsschulden | 440,1 | 440,1 | Niveau 2 | |
| Overige schulden -kortlopend | 21,1 | 21,1 | Niveau 2 | |
| Verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 104,6 | 104,6 | Niveau 3 | |
| Totaal financiële verplichtingen | 2,0 | 1.288,0 | 1.291,1 |
Hedge accounting
In het kader van het financiële risicobeheer van de Groep maakt de Groep gebruik van afgeleide financiële instrumenten om specifieke risico's in te dekken, zoals blootstelling aan vreemde valutarisico, renteschommelingen en schommelingen van grondstofprijzen. De volgende tabel geeft een overzicht van de afgeleide financiële instrumenten die uitstaan per jaareinde:
| Strategisch | Verklaring inzake Deugdelijk |
|---|---|
| rapport | Bestuur |
| Reële waarde31 december | Nominale bedragen31 december | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | 2025 | 2024 |
| Vreemde valutatermijncontracten | 1,9 | 6,3 | 104,7 | 216,5 |
| Grondstoffenafdekkingscontracten | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 7,0 |
| Afgeleide financiële activa | 1,9 | 6,3 | 104,7 | 223,5 |
| Vreemde valutatermijncontracten | 3,1 | 2,0 | 140,2 | 149,5 |
| Grondstoffenafdekkingscontracten | 1,3 | 0,0 | 20,8 | 0,0 |
| Afgeleide financiëleverplichtingen | 4,4 | 2,0 | 161,0 | 149,5 |
De afgeleide financiële instrumenten in bovenstaande tabellen worden allen als kasstroomindekkingen aangewezen (zie verder in toelichtingen FIN-4.5.3 tot en met FIN-4.5.5). De impact op het totaalresultaat van elk van deze categorieën is als volgt:
| Vreemde valutatermijn | Grondstoffenafdekkings | |
|---|---|---|
| Inmiljoen € | contracten | contracten |
| December 31, 2023 | (2,7) | (0,2) |
| Bedrag erkend in 2024 | 8,6 | (1,8) |
| Bedrag gedesinvesteerd(gerecycleerd naarresultatenrekening)in 2024 | (1,6) | 2,0 |
| Totale beweging2024 | 7,0 | 0,2 |
| 31 december 2024 | 4,3 | 0,0 |
| Bedrag erkend in 2025 | (5,8) | (1,9) |
| Bedrag gedesinvesteerd(gerecycleerd naar resultatenrekening) in 2025 | 2,0 | 0,6 |
| Totale beweging2025 | (3,8) | (1,3) |
| 31 december 2025 | 0,5 | (1,3) |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
De bovenstaande tabel stemt niet overeen met het Geconsolideerd Mutatieoverzicht van het Eigen Vermogen als gevolg van de uitgestelde belastingen op de financiële instrumenten mee opgenomen in de overige elementen van het Totaalresultaat voor een bedrag van 0,3 miljoen € voor de Totale Groep (2024: -0,3 miljoen €) en de beëindigde bedrijfsactiviteiten voor een bedrag van -0,1 miljoen € in 2024.
De reële waarde van een afgeleid financieel instrument wordt geklasseerd als langlopend actief of verplichting indien de resterende looptijd van de ingedekte post langer is dan 12 maanden, en als kortlopend actief of verplichting indien de looptijd van de ingedekte post korter is dan 12 maanden.
De waardering van de reële waarde van alle derivaten is gebaseerd op inputs van niveau 2, zoals gedefinieerd onder IFRS 7.27, d.w.z. inputs die waarneembaar zijn voor het actief of de verplichting, hetzij direct (d.w.z. als prijzen) hetzij indirect (d.w.z. afgeleid van prijzen).
De bovenstaande tabel geeft een analyse van de financiële instrumenten weer, gegroepeerd van Niveaus 1 tot 3 op basis van de mate waarin de reële waarde (opgenomen in de balans of in de toelichtingen) waarneembaar is:
- Niveau 1 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op genoteerde (niet-aangepaste) koersen op actieve markten voor identieke activa of schulden;
- Niveau 2 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op andere inputs dan genoteerde koersen opgenomen onder Niveau 1 die waarneembaar zijn voor activa of schulden, hetzij direct (bijvoorbeeld zoals marktprijzen), hetzij indirect (bijvoorbeeld afgeleid van marktprijzen);
- Niveau 3 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op waarderingstechnieken waarbij het laagste niveau van informatie dat invloed heeft op de waardering tegen reële waarde niet is waar te nemen (niet-waarneembare inputs).
De reële waarde van financiële activa en financiële verplichtingen is gebaseerd op wiskundige modellen die de waarneembare marktgegevens gebruiken en wordt als volgt bepaald:
- De reële waarde van financiële activa en financiële verplichtingen met standaard voorwaarden en die verhandeld worden op actieve, liquide markten, wordt bepaald aan de hand van genoteerde marktprijzen (inclusief genoteerde aflosbare obligaties);
- De reële waarde van de afgeleide financiële instrumenten wordt berekend op basis van genoteerde prijzen. Indien deze prijzen niet beschikbaar zijn, wordt een gedisconteerde kasstroomanalyse uitgevoerd met behulp van de toepasselijke rendementscurve voor de looptijd van de instrumenten voor niet-optionele derivaten en optiewaarderingsmodellen voor optionele derivaten. Vreemde valutatermijncontracten worden gewaardeerd op basis
van genoteerde termijnwisselkoersen en rendementscurven afgeleid van genoteerde rentevoeten met gelijkwaardige looptijden als de contracten. Renteswaps worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de geschatte en gedisconteerde toekomstige kasstromen op basis van de van toepassing zijnde rendementscurven afgeleid van genoteerde rentevoeten;
- De reële waarden van andere financiële activa en financiële verplichtingen (met uitzondering van diegene hierboven beschreven) worden bepaald in overeenstemming met de algemeen aanvaarde waarderingsmodellen op basis van een gedisconteerde kasstroomanalyse;
- Niveau 3 verplichtingen: het bedrag is bepaald op basis van contractuele bepalingen.
De Groep heeft afgeleide financiële instrumenten waarop compenserende, afdwingbare raamovereenkomsten en gelijkaardige overeenkomsten van toepassing zijn. Per 31 december 2025 diende er geen compensatie gedaan te worden (noch in 2024).
De tegenpartijen van de lopende afgeleide instrumenten beschikken over een klasse A kredietrapport.
FIN-4.5.2 Financiële risicofactoren
De activiteiten van de Groep zijn blootgesteld aan een verscheidenheid van financiële risico's: marktrisico (waaronder valutarisico, renterisico en grondstoffenprijsrisico), kredietrisico en liquiditeitsrisico.
Sinds het jaareinde zijn er geen wijzigingen geweest op het gebied van risicobeheer en ook niet in het risicobeheerbeleid.
FIN-4.5.3 Valutarisico
De Groep is internationaal actief en wordt derhalve blootgesteld aan verschillende valutarisico's, vooral met betrekking tot het Britse pond (GBP), de Poolse zloty (PLN), de Australische dollar (AUD) en de Russische roebel (RUB) wat verkoop betreft, en de Amerikaanse dollar (USD) en de Tsjechische kroon (CZK) wat aankoop betreft. Valutarisico komt voort uit toekomstige commerciële transacties en opgenomen activa en verplichtingen. De Groep wordt ook blootgesteld aan de Russische roebel (RUB), de Tsjechische kroon (CZK), Australische dollar (AUD), de Amerikaanse dollar (USD) en de Mexicaanse peso (MXN) als gevolg van haar nettoinvesteringen in buitenlandse activiteiten.
De boekwaarden van de belangrijkste monetaire activa en monetaire verplichtingen van de Groep die in vreemde munt zijn uitgedrukt, zijn als volgt op het einde van de rapportageperiode:
| Activa31 december | Passiva31 december | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | 2025 | 2024 |
| EUR | 1.498,5 | 1.339,5 | 2.059,2 | 1.974,4 |
| USD | 243,8 | 223,7 | 278,9 | 266,1 |
| MXN | 50,8 | 66,7 | 52,0 | 66,0 |
| PLN | 63,5 | 48,7 | 32,7 | 11,8 |
| GBP | 63,2 | 29,3 | 40,7 | 2,5 |
| RUB | 39,1 | 26,7 | 4,1 | 3,8 |
| AUD | 18,5 | 11,0 | 10,4 | 1,4 |
| CZK | 29,5 | 7,0 | 23,4 | 1,4 |
De Groep houdt haar valutarisico scherp in de gaten en zal indien nodig indekkingstransacties aangaan om de blootstelling van de gehele Groep aan wisselkoersschommelingen te minimaliseren. Alle indekkingsbeslissingen zijn onderhevig aan de goedkeuring van de Raad van Bestuur. De strategie met betrekking tot de indekking van de wisselkoersen werd aangehouden.
Om het valutarisico voortvloeiend uit toekomstige commerciële transacties, activa en verplichtingen te beheren, maakt de Groep gebruik van vreemde valutatermijncontracten. Valutarisico's doen zich voor als toekomstige commerciële transacties, activa en verplichtingen zijn uitgedrukt in een valuta die niet de functionele valuta is van de entiteit. De Treasury-afdeling van de Groep is verantwoordelijk voor het optimaliseren van de netto positie in elke vreemde valuta waar dat mogelijk en passend is. De Groep past hedge accounting toe voor de aan indekking gerelateerde transacties, en verwerkt de impact daarvan in de overige elementen van het totaalresultaat.
De Groep heeft vreemde valutatermijncontracten aangegaan in 2025 die ten laatste tot maart 2027 lopen om de volatiliteit in de verkopen in Britse pond, Poolse zloty en Australische dollar te beperken, evenals in de aankopen in Amerikaanse dollar en Tsjechische kroon die in 2026 plaatsvinden. Op basis van de indekkingsstrategie dekken de vreemde valutatermijncontracten de volgende verwachte risico's af tot 31 december 2025: voor het Britse pond (GBP) 79,2 miljoen, voor de Poolse zloty (PLN) 159,6 miljoen, voor de Australische dollar (AUD) 22,0 miljoen,
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
voor de Tsjechische kroon (CZK) 856,3 miljoen en voor de Amerikaanse dollar (USD) 63,6 miljoen versus EUR en de Amerikaanse dollar (USD) 18,0 miljoen versus de Tsjechische kroon (CZK).
De voorwaarden van de vreemde valutatermijncontracten werden zodanig onderhandeld dat deze aansluiten bij de voorwaarden van de verwachte transacties. De Groep past hedge accounting toe op de vreemde valutatermijncontracten.
De veranderingen in de reële waarde van deze afdekkingsinstrumenten, aangewezen als effectieve instrumenten in een kasstroomafdekking, worden opgenomen in het totaalresultaat tot het moment waarop de transactie plaatsvindt. Op het moment dat de transactie leidt tot de erkenning van een handelsvordering of een handelsschuldenpost, wordt deze kasstroomafdekkingsreserve inclusief de veranderingen in de reële waarde van het afdekkingsinstrument opgenomen in de resultatenrekening als aanpassing van de opbrengsten/kosten of, indien de transactie leidt tot de erkenning van een niet-financieel actief of niet-financiële verplichting, als aanpassing van de boekwaarde van het actief en de verplichting. Verdere wijzigingen in het afdekkingsinstrument worden in de resultatenrekening opgenomen samen met de wijzigingen in de handelsvorderingen of -schulden.
Per 31 december 2025 is een niet-gerealiseerde winst van 2,3 miljoen € (voornamelijk de Britse pond versus EUR voor 2,0 miljoen €) opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat, gecompenseerd door een niet-gerealiseerd verlies van 6,1 miljoen € (voornamelijk Braziliaanse real versus EUR voor 3,1 miljoen € en de US dollar versus EUR voor 3,0 miljoen €). Het niet-gerealiseerde verlies voor de Braziliaanse real is ten gevolge van de indekking van een deel van de verkoopprijs van de Braziliaanse activiteiten.
Per 31 december 2025 bedroeg de reële waarde van de afgeleide financiële activa voor de vreemde valutatermijncontracten 1,9 miljoen € (2024: 6,3 miljoen €) en van de afgeleide financiële verplichting 3,1 miljoen € (2024: 2,0 miljoen €).
Een bedrag van 2,0 miljoen € (2024: 1,6 miljoen € winst) werd gereclassificeerd naar de resultatenrekening (verlies) gedurende 2025.
De volgende tabel geeft de impact weer op het resultaat vóór winstbelastingen en het eigen vermogen voor het jaar als de euro met 10% verzwakt/versterkt ten opzichte van de gerapporteerde valuta voor de uitstaande posities m.b.t. derivaten en alle overige variabelen constant gebleven.
| 10% verzwakking van de euroImpact op | 10% versterking van de euroImpact op | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | 2025 | 2024 | ||||
| Eigen | Eigen | ||||||
| in miljoen € | Resultaat | vermogen | Resultaat | Resultaat | vermogen | Resultaat | |
| AUD | (0,2) | (1,3) | (0,2) | 0,1 | 1,0 | 0,2 | |
| GBP | (1,1) | (9,1) | (1,2) | 0,9 | 7,4 | 1,0 | |
| PLN | (0,5) | (3,6) | (0,5) | 0,4 | 3,0 | 0,4 | |
| USD | (2,9) | 4,3 | (4,9) | 2,4 | (3,5) | 4,0 |
FIN-4.5.4 Renterisico
Het renterisico van de Groep vloeit voort uit langlopende leningen. Leningen met een variabele interest stellen de Groep bloot aan een kasstroom renterisico dat gedeeltelijk wordt gecompenseerd door het aanhouden van liquide middelen tegen een variabele interest. Leningen met een vaste interest stellen de Groep bloot aan een reële waarde-renterisico. Deze risico's worden centraal beheerd door de Treasury-afdeling van de Groep, rekening houdend met de verwachtingen van de Groep met betrekking tot de evolutie van de marktrente. De Groep heeft renteswaps en cross-currency renteswaps gebruikt om deze risico's te beheren. Op dit moment maakt de Groep geen gebruik van dergelijke swaps.
De Groep heeft een wentelkredietfaciliteit ter waarde van 270,0 miljoen € en een vervaldatum in november 2029. De kredietfaciliteit draagt een interestvoet van EURIBOR 1 maand + marge.
Op 31 december 2025 is er 100,0 miljoen € opgenomen onder de wentelkredietfaciliteit met variabele rentevoet, met een interest van EURIBOR 1 maand + een marge van 1,85%.
Op 3 april 2025 gaf de Groep een niet-achtergestelde obligatielening uit van 400,0 miljoen € met een vaste interestvoet van 5,25% en een vervaldatum in april 2030. Deze nieuwe obligatielening vervangt de obligatielening van 580,0 miljoen € met vaste interestvoet van 3,50%, die zou vervallen in juli 2026.
FIN-4.5.5 Prijsrisico (grondstoffen)
De Groep is tot op zekere hoogte blootgesteld aan de fluctuaties van de olieprijs omdat bepaalde grondstoffen die gebruikt worden in de productie vervaardigd zijn uit oliederivaten. Deze omvatten lijmen, polyethyleen, propyleen en polypropyleen.
De Groep besloot om een gedeelte van de pulp-, polyethyleen-, propyleen-, polypropyleen- en LDPE-blootstelling in te dekken voor 2025.
Termijncontracten ter afdekking van het grondstoffenprijsrisico worden maandelijks geëvalueerd en mogelijks uitgevoerd. Termijncontracten worden aangegaan voor een toekomstige periode van 12 maanden en dekken de maandelijkse verwachte blootstelling af. Het totale in 2025 afgedekte nominale bedrag bedroeg 12,6 miljoen € voor propyleen. De gemiddelde afgedekte koers voor 2025 bedroeg 1.142 €/ton voor propyleen.
De netto impact op de overige elementen van het totaalresultaat voor 2025 was een winst van 1,3 miljoen € (2024: verlies van 0,2 miljoen €). 0,6 miljoen € werd gereclassificeerd naar de resultatenrekening (verlies) gedurende 2025 (2024: verlies van 2,0 miljoen €).
Sensitiviteit van de reële waarde van afgeleide financiële instrumenten verbonden aan grondstoffen: op 31 december 2025, als er een verschuiving van de termijncurve van 10% stijging/daling was geweest en alle overige variabelen constant zouden gebleven zijn, dan zouden de overige elementen van het totaalresultaat vóór winstbelastingen voor het jaar respectievelijk 2,0 miljoen € hoger/2,0 miljoen € lager zijn geweest (2024: impact was 0,7 miljoen € hoger/0,7 miljoen € lager).
FIN-4.5.6 Risico verbonden aan eigenvermogensinstrumenten
Als gevolg van de uitgifte van aandelenopties, RSU's en PSU's als onderdeel van op aandelen gebaseerde LTIP overeenkomsten (zie toelichting FIN-4.28 voor meer details over deze plannen), is de Groep blootgesteld aan schommelingen in de beurskoers van de aandelen van de Groep.
Daarnaast heeft de Groep in mei 2023 een eenmalige toekenning van prestatieaandelen ("PSU's") uitgegeven voor boekjaren 2023, 2024 en 2025 onder het 2023-25 "Value Creation Projects" Lange Termijn Incentive Plan (het "VCP LTIP"). Voor meer details wordt verwezen naar het Remuneratieverslag, wat deel uitmaakt van het jaarverslag. Het VCP LTIP voorziet dat bij definitieve verwerving (in mei 2026), de Vennootschap ofwel bestaande aandelen van de Vennootschap, ofwel nieuw uitgegeven aandelen van de Vennootschap, of een combinatie van beiden zal afleveren aan de begunstigden. De Raad van Bestuur heeft het uitgeven van nieuwe aandelen voorzien als standaardoptie bij definitieve verwerving onder het VCP LTIP. De Raad kan evenwel opteren om bestaande aandelen (volledig of deels) te gebruiken in plaats van nieuw uitgegeven aandelen. Om nieuw uitgegeven aandelen te leveren zal de Raad gebruikmaken van het toegestaan kapitaal, wat de Raad toelaat om, binnen de limieten van de Belgische wet en de machtiging verleend door de aandeelhoudersvergadering, het kapitaal van de Vennootschap te verhogen zonder verdere toestemming van de aandeelhouders. Een dergelijke uitgifte van nieuwe aandelen zou leiden tot een overeenkomstige dilutie voor de bestaande aandeelhouders.
Op 25 november 2024 kondigde de Groep de lancering van een terugkoopprogramma van aandelen om een maximum van 1,5 miljoen aandelen aan te werven, wat 1,8% van de totaal uitgegeven aandelen betreft. De aangekochte aandelen door het programma zullen bijdragen aan de verplichtingen van de Groep onder zijn huidige en toekomstige lange termijn incentive plannen. De aankoop van aandelen werd verspreid over een periode van vijf maanden, startende op 1 december 2024 en eindigend op 10 april 2025, nadat een totaal van 1,5 miljoen aandelen aangekocht werden door de Groep waarvoor het 12,4 miljoen € betaalde, en welke 1,8% van het kapitaal vertegenwoordigen.
FIN-4.5.7 Kredietrisico
Het kredietrisico wordt beheerd op het niveau van de Groep. Kredietrisico komt voort uit geldmiddelen en kasequivalenten, afgeleide financiële instrumenten en deposito's bij banken en financiële instellingen, alsmede kredietblootstelling aan bedrijfsklanten, met inbegrip van uitstaande vorderingen en toegezegde transacties. De Groep beoordeelt de kredietwaardigheid van de klant, rekening houdend met diens financiële positie, ervaringen uit het verleden en andere factoren op basis waarvan individuele risicolimieten worden ingesteld conform de door bedrijfsleiders vastgestelde grenzen. Historische wanbetalingen waren lager dan 1% in 2025 en 2024. Handelsvorderingen zijn verspreid over verschillende landen en tegenpartijen en er bestaat geen grote concentratie met één of enkele tegenpartijen.
Zie toelichting FIN-4.13 voor de ouderdomsanalyse van de vorderingen en de dubieuze vorderingen.
Alle financiële instrumenten worden aangehouden bij banken en financiële instellingen met een kredietwaardigheid van minstens A. De boekwaarde zoals gepresenteerd in toelichting FIN-4.5.1 vertegenwoordigt de maximale blootstelling aan het kredietrisico op de rapportagedatum.
FIN-4.5.8 Liquiditeitsrisico
De Treasury-afdeling van de Groep controleert de voortschrijdende prognoses van de liquiditeitsbehoeften van de Groep om te garanderen dat er voldoende geld is om aan de bedrijfsbehoeften te voldoen terwijl ze tevens voldoende ruimte behouden op de niet opgenomen toegezegde kredietfaciliteiten (toelichting FIN-4.17), zodat de Groep geen kredietlimieten of convenanten (indien van toepassing) op haar kredietfaciliteiten schendt.
De onderstaande tabel geeft de financiële verplichtingen van de Groep weer (inclusief rentebetalingen) ingedeeld naar de relevante clusters van looptijden op grond van de resterende periode op balansdatum tot de contractuele vervaldatum.
| Tussen | Tussen | Meer | ||
|---|---|---|---|---|
| Binnen | 1 en | 2 en | dan | |
| in miljoen € | 1 jaar | 2 jaar | 5 jaar | 5 jaar |
| Per 31 december 2025 | ||||
| Rentedragende leningen | (121,1) | (21,3) | (461,3) | - |
| Leaseverplichtingen | (27,7) | (23,5) | (52,7) | (48,8) |
| Handelsschulden | (432,7) | - | - | - |
| Totaal niet-afgeleide financiëleverplichtingen | (581,4) | (44,8) | (514,0) | (48,8) |
| Vreemde valutatermijncontracten | (235,4) | (9,4) | - | - |
| Totaal afgeleide financiëleverplichtingen | (235,4) | (9,4) | - | - |
| Per 31 december 2024 | ||||
| Rentedragende leningen | (44,4) | (590,6) | - | - |
| Leaseverplichtingen | (25,9) | (19,8) | (43,3) | (53,5) |
| Handelsschulden | (440,1) | - | - | - |
| Totaal niet-afgeleide financiëleverplichtingen | (510,4) | (610,4) | (43,3) | (53,5) |
| Vreemde valutatermijncontracten | (355,0) | (11,0) | - | - |
| Totaal afgeleide financiëleverplichtingen | (355,0) | (11,0) | - | - |
FIN-4.6 Operationele segmenten
Volgens IFRS 8 worden rapporteerbare operationele segmenten geïdentificeerd op basis van de "management approach". Deze aanpak bepaalt de externe segmentrapportage op basis van de interne organisatie en management structuur van de Groep alsmede de interne financiële verslaggeving aan de hoogstgeplaatste functionaris die belangrijke operationele beslissingen neemt. De activiteiten van de Groep zitten in één segment, "Hygiënische wegwerpproducten". Er zijn geen andere belangrijke bedrijfsklassen, noch individueel noch gezamenlijk. Het hoogstgeplaatste orgaan dat belangrijke operationele beslissingen neemt, de Raad van Bestuur, analyseert de bedrijfsresultaten en bedrijfsplannen en wijst middelen toe voor de hele onderneming. Daarom opereert de Groep als één segment. Informatie over de verkoop van producten, geografische gebieden en omzet van belangrijke klanten voor de hele Groep kan hieronder gevonden worden.
FIN-4.6.1 Informatie per productgroep
De belangrijkste productcategorieën zijn:
- Baby Care producten (babyverzorging): voornamelijk luiers, babybroekjes en, in mindere mate, vochtige doekjes;
- Adult Care producten (incontinentie volwassenen), zoals broekjes, luiers, incontinentiehanddoeken en bedbescherming; en
- Feminine Care producten (dameshygiëne), zoals maandverband, inlegkruisjes en tampons.
| Omzet | Boekjaar | |
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Adult Care | 814,1 | 800,5 |
| Baby Care | 696,6 | 793,4 |
| Feminine Care | 228,2 | 236,6 |
| Overige | 22,7 | 30,0 |
| Totaal | 1.761,6 | 1.860,5 |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.6.2 Informatie per land
De verkopen in het land, waar de maatschappelijke zetel van Ontex Group NV (België) zich bevindt, vertegenwoordigen minder dan 3% van de omzet van Ontex. De omzet in de landen die de top vijf markten vertegenwoordigen wordt hieronder weergegeven. De verkopen in alle andere individuele landen vertegenwoordigen minder dan 10% van de omzet van de Groep.
| Omzet | Boekjaar | |
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Verenigd Koninkrijk | 294,5 | 316,2 |
| Italië | 265,9 | 252,7 |
| Verenigde Staten van Amerika | 228,3 | 248,9 |
| Frankrijk | 179,6 | 188,3 |
| Polen | 136,1 | 173,7 |
| Overige landen | 657,2 | 680,7 |
| Totaal | 1.761,6 | 1.860,5 |
De vaste activa (materiële vaste activa, recht op gebruik activa en immateriële activa) in de belangrijkste landen worden weergegeven in de tabel hieronder. Goodwill is niet opgenomen in onderstaande tabel gezien deze niet wordt opgevolgd per land maar op divisie niveau.
| Vaste activa31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| België | 134,0 | 133,5 |
| Spanje | 99,8 | 89,9 |
| Polen | 91,0 | 87,9 |
| Tsjechië | 68,7 | 55,6 |
| Mexico | 66,7 | 56,9 |
| Verenigde Staten van Amerika | 62,2 | 71,8 |
| Overige landen | 161,4 | 136,7 |
| Totaal | 683,8 | 632,3 |
FIN-4.6.3 Omzet van de belangrijkste klanten
De Groep heeft niet één significante klant (meer dan 10,0%). De 10 grootste klanten vertegenwoordigen in 2025 minder dan 40,0% van de omzet, net als in 2024.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.7 Lijst van geconsolideerde ondernemingen
| Deelnemingspercentage aangehoudendoor de Groep | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Naam | Land | 2025 | 2024 | Maatschappelijke zetel | Ondernemingsnummer |
| Ontex Australia Pty Ltd | Australië | 100,0% | 100,0% | Suite 10, 27 Mayneview Street, Milton, QLD 4064, Australië | ABN 59 130 076 283 |
| Ontex Pty Ltd | Australië | 100,0% | 100,0% | Wonderland Drive 5, Eastern Creek, NSW, 2766, Australië | ABN 16 145 822 528 |
| Eutima BVManufacturing | België | 100,0% | 100,0% | Korte Moeie 53, 9900 Eeklo, België | 0415.412.891 |
| Ontex BV | België | 100,0% | 100,0% | Genthof 5, 9255 Buggenhout, België | 0419.457.296 |
| Active Industria De Cosméticos[33]S.A. | Brazilië | 0,0% | 100,0% | Rua Contorno Oeste 1/16 Quadra 01, Lote 01/16, Modulo 2 Senador Canedo,Goiania, Brazilië | CNPJ 22.010816/0001-39 |
| Falcon Distribuidora Armazenamento[33]E Transporte S.A. | Brazilië | 0,0% | 100,0% | Rua Iza Costa 1.104 Quadra: Area Lote Modulo 2, Fazenda Retio, Goiania, Brazilië | CNPJ 23.191.831/0001-93 |
| Ontex Hygienic Disposables(Yangzhou) Co.TD | China | 100,0% | 100,0% | Hangji industrial park, Hanjiang Dictrict, N°1 Zhaizhuang Road, 225111 Yangzhou,China | 321000400010102 |
| Ontex Hygienic Disposables(Shanghai) LTD | China | 100,0% | 100,0% | 4F, Building G, No. 69, Hongqiao Green Valley Community, Yuhong Road, MinhangDistrict, Shanghai | 91310000MA1GCW6L6Y |
| Ontex CZ S.r.o. | Tsjechië | 100,0% | 100,0% | Vesecko 491, 51101 Turnov, Tsjechië | 44564422 |
| Ontex Hygienic Disposables PLC | Ethiopië | 100,0% | 100,0% | Tracon Tower Building Addis Ababa, Subcity Arada, Werada 02, Kebele 01, Housen° : 30/97, Ethiopië | EIA-PC/01/005318/08 |
| Hygiène Medica SAS | Frankrijk | 100,0% | 100,0% | 30 Rue Hubble Parc Européen de la Haute Borne, 59262 Sainghin-en-Mélantois,Frankrijk | 401 439 872 |
| Ontex France SAS | Frankrijk | 100,0% | 100,0% | 586 Boulevard Albert Camus, 69400 Villefranche-sur-Saône, Frankrijk | 338 081 102 |
| Ontex Santé France SAS | Frankrijk | 100,0% | 100,0% | Quai du rivage 62119 Dourges, Frankrijk | 502 601 297 |
| Moltex Baby-Hygiene GmbH | Duitsland | 100,0% | 100,0% | Robert-Bosch-Straße 8, 56727 Mayen, Duitsland | HRB 5260 |
| Ontex Engineering GmbH & Co .KG [34] | Duitsland | 0,0% | 100,0% | Robert-Bosch-Straße 8, 56727 Mayen, Duitsland | HRA 21335 |
| Ontex Healthcare DeutschlandGmbH | Duitsland | 100,0% | 100,0% | Hansaring 6, Lotte 49504, Duitsland | HRB 9669 |
[33] De Braziliaanse en Turkse activiteiten werden verkocht gedurende 2025, zie toelichting FIN-4.8.
[34] In 2025 vond een reorganisatie van de legale structuur van de Duitse vennootschappen plaats, waardoor volgende vennootschappen ophielden te bestaan: Ontex Engineering GmbH & Co KG, Ontex Inko Deutschland GmbH, Ontex Care GmbH en WS Windelshop GmbH. In mei 2025 wijzigde de naam van Ontex Mayen GmbH naar Ontex Global Excellence Center GmbH
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Deelnemingspercentage aangehoudendoor de Groep | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Naam | Land | 2025 | 2024 | Maatschappelijke zetel | Ondernemingsnummer |
| Ontex Hygiënartikel DeutschlandGmbH | Duitsland | 100,0% | 100,0% | Fabrikstrasse 30, 02692 Grosspostwitz, Duitsland | HRB 3865 |
| [34]Ontex Inko Deutschland GmbH | Duitsland | 0,0% | 100,0% | Robert-Bosch-Straße 8, 56727 Mayen, Duitsland | HRB 20630 |
| [34]Ontex Care GmbH | Duitsland | 0,0% | 100,0% | Robert-Bosch-Straße 8, 56727 Mayen, Duitsland | HRB 21024 |
| Ontex Global Excellence Center[34]GmbH | Duitsland | 100,0% | 100,0% | Robert-Bosch-Straße 8, 56727 Mayen, Duitsland | HRB 11699 |
| Ontex Vertrieb GmbH | Duitsland | 100,0% | 100,0% | Robert-Bosch-Straße 8, 56727 Mayen, Duitsland | HRB 4983 |
| [34]WS Windel-Shop GmbH | Duitsland | 0,0% | 100,0% | Robert-Bosch-Straße 8, 56727 Mayen, Duitsland | HRB 2793 |
| Ontex Manufacturing Italy S.r.l. | Italië | 100,0% | 100,0% | Localita Cucullo, Zona Industriale, 66026 Ortona (Chieti), Italië | 02456370697 |
| Serenity Holdco S.r.l. | Italië | 100,0% | 100,0% | Localita Cucullo, Zona Industriale, 66026 Ortona (Chieti), Italië | CH-178769 |
| Serenity Spa | Italië | 100,0% | 100,0% | Localita Cucullo, Zona Industriale, 66026 Ortona (Chieti), Italië | CH-99632 |
| Ontex Mexico Operations S.A. de C.V. | Mexico | 100,0% | 100,0% | Calle 12 Norte No. 105, Ciudad Industrial, Tijuana, Mexico | OMO220624KA3 |
| Ontex Polska sp. z.o.o. | Polen | 100,0% | 100,0% | ul. Przedsiebiorcrow 6, 97-500 Radomsko, Polen | 0000010044 |
| Ontex Romania Srl | Roemenië | 100,0% | 100,0% | Bucharest Mun. District 1, 48 Iancu de Hunedoara Boulevard, 2nd Floor, Office 1,Boekarest, Roemenië | J1995007353400 |
| Ontex RU LLC | Rusland | 100,0% | 100,0% | Zemlyanoy Val Street 9, 10564 Moscow, Rusland | 1055008702649 |
| Ontex ES Holdco S.A. | Spanje | 100,0% | 100,0% | Poligono Industrial Nicomedes Garcia, C/Fresno s/n, sector C, 40140 Valverde delMajano, Segovia, Spanje | B85082832 |
| Ontex ID SAU | Spanje | 100,0% | 100,0% | Poligono Industrial Nicomedes Garcia, C/Fresno s/n, sector C, 40140 Valverde delMajano, Segovia, Spanje | NIFA-60617875 |
| Ontex Peninsular S.A. | Spanje | 100,0% | 100,0% | Poligono Industrial Nicomedes Garcia, C/Fresno s/n, sector C, 40140 Valverde delMajano, Segovia, Spanje | A40103855 |
| Valor Brands Europe, S.L | Spanje | 100,0% | 100,0% | Torviscal 12, 45007 Toledo, Spanje | B2837-1540 |
| Ontex Hygienic Spain, S.L.U. | Spanje | 100,0% | 100,0% | Poligono Industrial Nicomedes Garcia, C/Fresno s/n, sector C, 40140 Valverde delMajano, Segovia, Spanje | M635-328 |
| [33]Ontex Tüketim. Urn. San. ve Tic. AS | Turkije | 0,0% | 100,0% | Tekstilkent Cad. Koza Plaza B Blok Kat:31 No:116-117 Esenler, Istanbul,Turkije | 137334 |
| Ontex Ukraine LLC | Oekraïne | 100,0% | 100,0% | Building 7(C), 13 M. Pymonenka Street, 04050 Kyiv, Oekraïne | 37728333 |
| Ontex Healthcare UK Ltd | VerenigdKoninkrijk | 100,0% | 100,0% | Kettering Parkway, Kettering Venture Park, Kettering, Northants, NN156XR,Verenigd Koninkrijk | 02274216 |
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekeningDuurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissarisInformatie over dit rapport | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Deelnemingspercentage aangehoudendoor de Groep | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Naam | Land | 2025 | 2024 | Maatschappelijke zetel | Ondernemingsnummer |
| Ontex Retail UK Ltd | VerenigdKoninkrijk | 100,0% | 100,0% | Unit 5 (1st Floor), Grovelands Business Centre, Boundary Way, HemelHempstead, Hertfordshire, HP2 7TE, Verenigd Koninkrijk | 1613466 |
| Ontex US Holdco, LLC | Verenigde Statenvan Amerika | 100,0% | 100,0% | 1201 North Market Street, 19801 Wilmington, New Castle county, Delaware,Verenigde Staten van Amerika | 35-2548297 |
| Valor Brands, LLC | Verenigde Statenvan Amerika | 100,0% | 100,0% | 960 North Point Parkway, Suite 100, Alpharetta, GA 30005, Verenigde Staten vanAmerika | 06-1661367 |
| Ontex Operations USA, LCC | Verenigde Statenvan Amerika | 100,0% | 100,0% | 9300 NC Highway 65, Stokesdale, NC 27357, Verenigde Staten van Amerika | 85-0811594 |
Het percentage aan stemrecht direct of indirect aangehouden door de Groep in de bovenstaande dochterondernemingen is gelijk aan het deelnemingspercentage direct of indirect aangehouden door de Groep.
Voor het boekjaar dat eindigt 31 december 2025 hebben onderstaande dochterondernemingen gebruikgemaakt van de Duitse bepalingen overeenkomstig §264 deel 3 HGB:
- Ontex Vertrieb GmbH, Mayen;
- Ontex Global Excellence Center GmbH, Mayen;
- Moltex Baby-Hygiene GmbH, Mayen;
- Ontex Healthcare Deutschland GmbH, Lotte; en
- Ontex Hygieneartikel Deutschland GmbH, Großpostwitz
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.8 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde activiteiten
Na de strategische evaluatie die eind 2021 werd aangekondigd en begin 2022 bevestigd werd, kondigde de Groep aan dat het desinvesteringsopportuniteiten zal nastreven voor de activiteiten in de "Emerging Markets". De activiteiten in de "Emerging Markets" werden en worden voornamelijk gedreven door eigen merken en omvatten in hoofdzaak de Centraal- en Zuid-Amerikaanse activiteiten, alsook die in het Midden-Oosten en Afrika.
Deze activiteiten, die naar verwachting binnen 12 maanden worden verkocht, zijn geclassificeerd als een groep activa die wordt afgestoten, aangehouden voor verkoop, en afzonderlijk gepresenteerd in de balans. Als gevolg hiervan worden de stopgezette activiteiten voorgesteld als één rubriek in de jaarrekening, zoals hieronder gedetailleerd. De balansposities van de stopgezette activiteiten worden opgenomen aan de laagste waarde van de boekwaarde en de reële waarde min verkoopkosten, zoals voorgeschreven door IFRS 5*.*
De bijbehorende activa en passiva worden bijgevolg vanaf 1 januari 2022 gepresenteerd als aangehouden voor verkoop. De daarmee verband houdende financiële resultaten worden gerapporteerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten in de resultatenrekening.
Ontex heeft in juli 2022 een bindende overeenkomst afgesloten om zijn Mexicaanse en aanverwante exportactiviteiten aan Softys S.A. te verkopen, wat een mijlpaal is in de transformatie van Ontex. De transactie voltrok zich in mei 2023 en de opbrengst werd uitsluitend gebruikt om de schuldpositie af te bouwen. Gedurende 2023 sloot Ontex bindende overeenkomsten af voor de verkoop van haar Algerijnse en Pakistaanse activiteiten. Beide transacties werden gerealiseerd in de eerste jaarhelft van 2024.
In september 2024 sloot Ontex een bindende overeenkomst af met Softys S.A. voor de verkoop van haar Braziliaanse activiteiten. Deze transactie werd voltooid in de eerste jaarhelft van 2025. In februari 2025 kondigde Ontex aan dat het een bindende overeenkomst met Dilek Grup had afgesloten voor de verkoop van haar Turkse activiteiten, wat gerealiseerd werd in de tweede jaarhelft van 2025. Na het voltooien van de Turkse transactie zijn alle vaste activa aangehouden voor verkoop afgestoten.
Voor verkoop aangehouden activa en beëindigde bedrijfsactiviteiten
In 2025 zijn er EBITDA aanpassingen voor een bedrag van 196,5 miljoen € (kost), die voornamelijk gelinkt zijn aan de verkoop van de Braziliaanse en Turkse activiteiten.
Voor de Braziliaanse activiteiten is het resultaat op de transactie als volgt:
| Boekjaar | |
|---|---|
| in miljoen € | 2025 |
| Totale ontvangen cash | 112,4 |
| Overgedragen geldmiddelen | (17,5) |
| Netto impact op geldmiddelen | 94,9 |
| Voorziening terugbetaling koper | (3,3) |
| Boekwaarde van verkochte netto activa | (67,3) |
| Winst/(verlies) op verkoop vóór reclassificatievan cumulatieveomrekeningsverschillen | 24,3 |
| Reclassificatievan cumulatieve omrekeningsverschillen | (142,1) |
| Winst/(verlies) op verkoop | (117,8) |
De transactie voor de verkoop van de Braziliaanse activiteiten omvat ook een voorwaardelijke vergoeding in verband met de Protege rechtszaak. In 2018 vaardigde de staat Goiás een decreet uit waarin Falcon Distribuição Armazenamento e Transportes S/A ("Falcon") werd verplicht een bijdrage te betalen aan het Sociaal Beschermingsfonds van de staat Goiás ("Protege") om verder te kunnen profiteren van een eerder toegekende belastingstimulans in het kader van een speciale regeling (TARE). Aangezien deze voorwaarde niet was opgenomen in de TARE, heeft Falcon de Protege-bijdrage voor de rechter aangevochten. Nadat Falcon in 2023 een gunstige uitspraak van de rechtbank van eerste aanleg had gekregen, ging de staat Goiás in beroep, dat in november 2024 door de rechtbank van tweede aanleg werd verworpen. Deze gunstige uitspraak werd in april 2025 definitief en niet meer vatbaar voor beroep.
Als onderdeel van de bindende overeenkomst die met Softys S.A. is gesloten voor de verkoop van de Braziliaanse activiteiten van Ontex, heeft Ontex vrijwillig de Protege-bijdragen voor de periode 2020 tot begin 2025 betaald, voor een bedrag van 21,7 miljoen €. Aangezien de gunstige uitspraak van het hof van beroep definitief en niet meer vatbaar voor beroep is geworden, heeft Falcon inmiddels een vordering ingesteld tegen de staat Goiás tot
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
terugbetaling van deze Protege-bijdragen. Zodra Falcon deze terugbetaling heeft ontvangen, zullen deze bedragen aan Ontex worden betaald in overeenstemming met de bindende overeenkomst tussen Softys S.A. en Ontex. Op 31 december 2025 heeft Ontex deze voorwaardelijke vergoeding niet opgenomen in zijn balans vanwege de lopende rechtszaak tegen de staat Goiás en de onzekerheid over het tijdstip van een mogelijke terugbetaling.
De verkoop van de Turkse activiteiten leidde tot het volgende:
| Boekjaar | |
|---|---|
| in miljoen € | 2025 |
| Totale ontvangen cash | 38,8 |
| Overgedragen geldmiddelen | (39,6) |
| Netto impact op geldmiddelen | (0,8) |
| Uitgestelde vordering | 33,5 |
| Voorziening terugbetaling koper | (3,3) |
| Boekwaarde van verkochte netto activa | (38,3) |
| Winst/(verlies) op verkoop vóór reclassificatievan cumulatieveomrekeningsverschillen | (8,9) |
| Reclassificatievan cumulatieve omrekeningsverschillen | (68,2) |
| Winst/(verlies) op verkoop | (77,1) |
In het resultaat van de periode uit beëindigde activiteiten in 2024 zijn er EBITDA aanpassingen opgenomen voor een bedrag van 27,1 miljoen €, waarvan 51,6 miljoen € toe te wijzen is aan wijzigingen in de groepsstructuur, inclusief de verkoop van de Algerijnse en Pakistaanse activiteiten, alsook projectkosten gemaakt voor de verkoop van de Braziliaanse activiteiten, terwijl er een winst van 24,5 miljoen € opgenomen is met betrekking tot bijzondere waardeverminderingsverliezen. Deze 24,5 miljoen € bestaat uit de terugdraaiing van eerder erkende bijzondere waardeverminderingsverliezen op de Braziliaanse activiteiten voor 30,9 miljoen € op basis van de verwachte opbrengst van de Braziliaanse verkoop versus het Braziliaans netto actief, terwijl een bijzonder waardeverminderingsverlies van 6,4 miljoen € werd opgenomen voor Turkije, op basis van de verwachte opbrengst van die transactie.
Van het verlies van 51,6 miljoen € toe te wijzen aan wijzigingen in de groepsstructuur is een verlies van 26,5 miljoen € gerelateerd aan de verkoop van de Algerijnse en Pakistaanse activiteiten. Het resterende bedrag is voornamelijk gelinkt aan de verkoop van de Braziliaanse activiteiten waarvoor een vooruitgeschoven kost van 21,1 miljoen € werd opgelopen en welke deel uitmaakte van de nettokasstroom uit investeringsactiviteiten. De opgelopen kost is gerelateerd aan de Protege-zaak welke hierboven is toegelicht en waarvan het bedrag overeenkomt met de Protege bijdragen voor de periode 2020 tot en met december 2024.
De belangrijkste categorieën activa en passiva die deel uitmaken van de bedrijfsactiviteiten die zijn geclassificeerd als aangehouden voor verkoop zijn als volgt:
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Financiële prestaties
De resultaten van de beëindigde bedrijfsactiviteiten, die zijn opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening, zijn als volgt:
| Boekjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Omzet | 111,2 | 306,9 | |
| Operationele kosten (excl. afschrijvingen) | (102,6) | (277,7) | |
| Aangepaste EBITDA | 8,6 | 29,2 | |
| Resultaat op desinvestering van dochteronderneming | (196,5) | (27,1) | |
| EBITDA | (187,8) | 2,1 | |
| Afschrijvingen | (0,0) | (0,0) | |
| Financieel resultaat | (1,5) | (6,4) | |
| Winst/(verlies) vóór winstbelastingen | (189,3) | (4,3) | |
| Winstbelastingen | (0,8) | (6,3) | |
| Winst/(verlies) voor de periode uit beëindigdeactiviteiten | (190,1) | (10,7) |
| Winst per aandeelvoor beëindigde activiteiten | Boekjaar | |
|---|---|---|
| in € | 2025 | 2024 |
| Gewone winst per aandeel | (2,37) | (0,13) |
| Verwaterde winst per aandeel | (2,36) | (0,13) |
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Immateriële activa | - | 7,6 |
| Materiële vaste activa | - | 81,1 |
| Recht-op-gebruik activa | - | 20,8 |
| Langlopende vorderingen | - | 0,2 |
| Vaste activa | - | 109,8 |
| Voorraden | - | 34,0 |
| Handelsvorderingen | - | 41,2 |
| Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | - | 4,8 |
| Actuele belastingvorderingen | - | 1,8 |
| Afgeleide financiële activa | - | 0,4 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | - | 67,3 |
| Vlottende activa | - | 149,5 |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | - | 259,3 |
| 31 december | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Voorzieningen m.b.t. personeelsbeloningen | - | 4,3 | |
| Rentedragende leningen | - | 10,9 | |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | - | 11,6 | |
| Langlopende verplichtingen | - | 26,8 | |
| Rentedragende leningen | - | 5,2 | |
| Handelsschulden | - | 58,2 | |
| Toegerekende kosten en overige schulden | - | 7,2 | |
| Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | - | 5,6 | |
| Voorzieningen | - | 1,5 | |
| Kortlopende verplichtingen | - | 77,8 | |
| Verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerd alsaangehouden voor verkoop | - | 104,6 |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Kasstromen
Het kasstroomoverzicht voor de periodes eindigend op 31 december 2025 en 2024:
| Boekjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) operationele activiteiten | (1,5) | 24,2 | |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) investeringsactiviteiten | (59,8) | (11,0) | |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) financieringsactiviteiten | (2,8) | (12,7) | |
| Netto toename / (afname) geldmiddelen enkasequivalenten | (64,1) | 0,5 | |
| Cumulatieve wisselkoersverschillen op mutaties ingeldmiddelen | (3,2) | (4,3) |
De bovenstaande nettokasstroom gebruikt voor investeringsactiviteiten bevat de overgedragen geldmiddelen als deel van de verkoop van de Braziliaanse en Turkse activiteiten voor 57,1 miljoen €. Het bevat niet de ontvangen betaling voor de verkoop van de Braziliaanse en Turkse activiteiten in 2025 aangezien deze werd ontvangen door de moedervennootschappen van deze activiteiten, zijnde Ontex Hygienic Spain en Ontex ES Holdco, welke deel uitmaken van de voortgezette activiteiten.
Hyperinflatie
In 2022 kreeg de Turkse economie opnieuw te maken met een hoge inflatie, waardoor de gecumuleerde inflatie van Turkije over drie jaar meer dan 100% bedroeg. Daardoor werd het noodzakelijk om over te schakelen op de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie, zoals voorgeschreven door IAS 29 - Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie, vanaf 1 januari 2022. Het voornaamste beginsel van IAS 29 is dat de jaarrekening van een entiteit die rapporteert in de valuta van een economie met hyperinflatie, moet worden opgesteld in termen van de meeteenheid die geldt aan het einde van de verslagperiode. Daarom worden de tegen historische kostprijs gewaardeerde niet-monetaire activa en verplichtingen, het eigen vermogen en de resultatenrekeningen van dochterondernemingen die actief zijn in een economie met hyperinflatie, aangepast voor wijzigingen in de algemene koopkracht van de lokale valuta door toepassing van een algemene prijsindex. Monetaire posten die aan het einde van de verslagperiode reeds tegen de meeteenheid zijn gewaardeerd, worden niet herrekend. De herrekende posities worden gebruikt voor de omrekening in euro tegen de wisselkoers aan het einde van de periode.
Bijgevolg heeft de Groep in deze geconsolideerde jaarrekening voor het eerst hyperinflatieboekhouding toegepast voor haar Turkse dochteronderneming, waarbij de IAS 29 regels als volgt worden toegepast:
- Hyperinflatieboekhouding werd toegepast vanaf 1 januari 2022 en werd blijvend toegepast tot aan de verkoop van de Turkse dochtervennootschap in het begin van november 2025;
- Niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd tegen historische kostprijs (bv. materiële vaste activa, immateriële activa, goodwill, enz.) en het eigen vermogen van Turkije werden aangepast aan de hand van de officiële consumptie index ("CPI") die door het Turkse bureau voor statistiek TUIK is gepubliceerd. De hyperinflatie-effecten als gevolg van wijzigingen in de algemene koopkracht tot 31 december 2021 werden gerapporteerd in de cumulatieve omrekeningsverschillen, de effecten van wijzigingen in de algemene koopkracht vanaf 1 januari 2022 worden gerapporteerd via de resultatenrekening op een specifieke rekening in de netto financiële kosten. De impact op de netto financiële kosten in 2025, in combinatie met de toepassing van de CPI op de resultatenrekening, bedroeg -11,5 miljoen € (2024: -12,2 miljoen €). De consumptie index op 31 oktober 2025 bedroeg 3.453,09, wat een stijging van 29% ten opzichte van 31 december 2024 betekent; en
- Naast het aanpassen van de resultatenrekening aan de hand van de wijziging van de algemene prijsindex, wordt ze ook omgerekend tegen de slotkoers van elke periode (in plaats van de gemiddelde maandelijkse koers voor niet-hyperinflatoire economieën), waarvan de impact wordt gecompenseerd in de netto financiële kosten. Deze impact bedroeg 1,7 miljoen € in 2025 (2024: 2,0 miljoen €).
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.9 Goodwill en immateriële activa
| in miljoen € | Goodwill | Geactiveerde ontwikkelingskosten | IT implementatiekosten | Overige immateriële vaste activa | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Boekjaar eindigend op 31 december 2024 | |||||
| Boekwaarde aan het begin van de periode | 796,0 | 7,4 | 17,7 | 7,5 | 828,6 |
| Aanschaffingen | 0,0 | 1,1 | 6,0 | 2,6 | 9,8 |
| Transferten | 0,0 | 2,8 | 1,3 | (2,8) | 1,3 |
| Gereclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 0,0 | 0,0 | (0,0) | 0,1 | 0,1 |
| Afschrijvingskosten | 0,0 | (2,3) | (7,5) | 0,0 | (9,7) |
| Bijzondere waardeverminderingen | 0,0 | (0,2) | 0,0 | (0,0) | (0,2) |
| Wisselkoersen | 3,4 | 0,0 | (0,0) | 0,0 | 3,4 |
| Boekwaarde aan het einde van de periode | 799,4 | 8,8 | 17,5 | 7,4 | 833,2 |
| waarvan kost | 841,2 | 18,6 | 82,2 | 21,5 | 963,6 |
| waarvan gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | (41,8) | (9,8) | (64,7) | (14,1) | (130,4) |
| Boekjaar eindigend op 31 december 2025 | |||||
| Boekwaarde aan het begin van de periode | 799,4 | 8,8 | 17,5 | 7,4 | 833,2 |
| Aanschaffingen | 0,0 | 0,1 | 5,7 | 5,0 | 10,7 |
| Transferten | 0,0 | 4,5 | (1,1) | (4,5) | (1,1) |
| Afschrijvingskosten | 0,0 | (3,5) | (7,5) | 0,0 | (11,1) |
| Bijzondere waardeverminderingen | 0,0 | (4,6) | (0,8) | 0,0 | (5,4) |
| Wisselkoersen | (6,5) | 0,0 | (0,0) | (0,0) | (6,6) |
| Boekwaarde aan het einde van de periode | 792,9 | 5,2 | 13,8 | 7,9 | 819,8 |
| waarvan kost | 844,6 | 23,2 | 86,4 | 22,0 | 976,2 |
| waarvan gecumuleerdeafschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | (51,7) | (18,0) | (72,5) | (14,1) | (156,4) |
Geactiveerde IT-implementatiekosten vertegenwoordigen intern ontwikkelde en extern ingekochte software voor eigen gebruik. De bijzondere waardeverminderingen van 5,4 miljoen € zijn gelinkt aan ontwikkelingsprojecten voor zowel onderzoek en ontwikkeling als IT die werden stopgezet.
De afschrijvingskosten worden als volgt opgenomen in de toelichtingen van de geconsolideerde winst- en verliesrekening:
| Strategisch | ||||
|---|---|---|---|---|
| rapport |
Afschrijvingskosten Boekjaar
in miljoen € 2025 2024 Kostprijs van de omzet 0,2 0,2 Algemene beheerskosten 10,9 9,6 Totaal 11,1 9,7
Voor onderzoek en ontwikkeling heeft de groep 17,0 miljoen € opgenomen onder de hoofding "Algemene beheerskosten" in 2025 (2024: 14,5 miljoen €).
Er waren geen immateriële activa in pand gegeven in het kader van de financiële verplichtingen.
FIN-4.9.1 Goodwill
Historiek
Op het einde van 2010 werd Ontex overgenomen van Candover door Goldman Sachs Capital Partners en TPG Capital, waarbij beide partijen 50% van de aandelen in de nieuwe topholdingvennootschap van Ontex aanhielden. Op het moment van deze overname was het netto-actief van Ontex negatief, wat in de erkenning van een goodwill resulteerde voor een bedrag van 841,5 miljoen €.
In 2013 heeft Ontex Serenity, een bedrijf actief op de markt voor incontinentieproducten voor volwassenen in Italië, overgenomen. Deze overname resulteerde in de opname van een goodwill van 18,6 miljoen €.
In februari 2016 heeft Ontex Grupo Mabe, een toonaangevende Mexicaanse producent van persoonlijke hygiëne wegwerpproducten, overgenomen. Deze belangrijke overname resulteerde in de opname van een goodwill van 236,1 miljoen €, wat in Mexicaanse peso en Amerikaanse dollar werd uitgedrukt.
In maart 2017 heeft Ontex de overname voltooid van de persoonlijke hygiëne activiteit van Hypermarcas (hernoemd naar "Ontex Brazil"). Dit resulteerde in een goodwill van 128,3 miljoen €, wat in Braziliaanse real werd uitgedrukt.
Na de strategische evaluatie die eind 2021 werd aangekondigd en begin 2022 bevestigd werd, kondigde de Groep aan dat het desinvesteringsopportuniteiten zal nastreven voor de activiteiten in de "Emerging Markets". De activiteiten in "Emerging Markets" werden en worden voornamelijk gedreven door eigen merken en omvatten in hoofdzaak de Centraal- en Zuid-
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Amerikaanse activiteiten, alsook die in het Midden-Oosten en Afrika. Als gevolg van deze strategische evaluatie werd 170,6 miljoen € goodwill gereclassificeerd naar activa aangehouden voor verkoop.
Bijzondere waardevermindering op goodwill
De Groep heeft de volgende kasstroomgenererende eenheden ("KGE") bepaald met het oog op de testen voor bijzondere waardevermindering op goodwill.
- Europa
- Rusland
- Noord-Amerika
Jaarlijkse testen voor bijzondere waardeverminderingen worden in de loop van het vierde kwartaal uitgevoerd voor alle KGE's, behalve als er factoren zouden zijn die wijzen op een risico voor een bijzonder waardeverminderingsverlies. Deze analyses vergelijken de boekwaarde van elke KGE met de realiseerbare waarde van de KGE's berekend op basis van een 'discounted cash flow'-model. Indien de realiseerbare waarde lager is dan de boekwaarde van de KGE, wordt er onmiddellijk een bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen in de resultatenrekening. De test per jaareinde resulteerde niet in een bijzonder waardeverminderingsverlies, noch in 2024.
De beoordelingen en schattingen beschouwd in het kader van de test op bijzondere waardeverminderingen worden beschreven in toelichting FIN-4.4.4.
Goodwill was als volgt aan de KGE's toegewezen op 31 december:
| Goodwill | 31 december | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Europa | 743,1 | 743,1 | |
| Noord-Amerika | 49,8 | 56,3 | |
| Toegewezen aan KGE's | 792,9799,4 |
De realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid wordt bepaald op basis van berekeningen van de bedrijfswaarde. Deze berekeningen zijn gebaseerd op kasstroomvoorspellingen vóór belastingen (opgemaakt in €) gebruikmakend van basisparameters van het geconsolideerde financieel budget dat goedgekeurd werd door de
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Raad van Bestuur van Ontex, het strategisch plan van de Groep tot 2028 en de cijfers voor 2029 op basis van de gemiddelde groeivoet in het strategisch plan. Kasstromen na de periode van vier jaar worden geëxtrapoleerd met een geschatte groei van 2,0% voor zowel "Europa" als "Noord-Amerika".
De belangrijkste veronderstellingen voor de berekeningen van de bedrijfswaarde en die gebruikt worden om de realiseerbare waarde te bepalen omvatten de disconteringsvoeten, verwachte wijzigingen aan de verkoopprijzen, productaanbod, directe kosten, operationele marges en de terminale groeivoeten. Klimaatgerelateerde aangelegenheden werden in beschouwing genomen, maar hadden geen materiële impact op de berekeningen van de bedrijfswaarde, zoals aangegeven in toelichting FIN-4.4.4. De disconteringsvoet is een maatstaf gebaseerd op de gemiddeld gewogen kost van kapitaal van de industrie en de risico-vrije rentevoeten gewogen naar de verschillende regio's waarin de KGE's actief zijn.
Wijzigingen in verkoopmethodes en directe kosten zijn gebaseerd op historische methodes en verwachtingen omtrent toekomstige veranderingen in de markt. De berekening maakt gebruik van kasstroomvoorspellingen die gebaseerd zijn op basisparameters van het geconsolideerde financieel budget dat goedgekeurd werd door de Raad van Bestuur, het strategisch plan van de Groep tot 2028, en de disconteringsvoeten (vóór belasting) van elke KGE zoals beschreven in toelichting FIN-4.4.4 en die gebaseerd zijn op de huidige marktinschattingen van de tijdswaarde van geld en van de risico's specifiek voor de Groep.
De opmaak van het financieel budget en het strategisch plan maken gebruik van enkele veronderstellingen, zoals:
- Marktgroei, de evolutie van het marktaandeel van de Groep, de competitieve omgeving en de innovatie-trends in de verschillende markten en strategische initiatieven;
- De mix van producten;
- De verwachte evolutie van diverse directe en indirecte kosten;
- De verwachte toekomstige investeringsuitgaven;
De veronderstellingen werden hoofdzakelijk afgeleid van:
- Beschikbare historische data;
- Extern marktonderzoek;
- Interne verwachtingen rond de markt gebaseerd op o.a. trendrapporten;
De basisveronderstellingen die gebruikt worden, worden op jaarbasis gecontroleerd en aangepast door het management van de Groep. Gezien de aanzienlijke marge van het realiseerbare bedrag van de kasstroomgenererende eenheden ten opzichte van hun boekwaarde, en rekening houdende met de uitgevoerde sensitiviteitsanalyse, is het management ervan overtuigd dat geen enkele redelijke wijziging in de basisveronderstellingen waarop het realiseerbare bedrag is gebaseerd, aanleiding zou geven tot een boekwaarde die het realiseerbare bedrag zou overstijgen per 31 december 2025.
De Groep heeft een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd door de risico-aangepaste kasstroomvoorspellingen te verminderen en de disconteringsvoet vóór belastingen te verhogen, zoals beschreven in toelichting FIN-4.4.4.
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.10 Materiële vaste activa
| Terreinen en | Installaties,machines en | Meubilair en | Overige materiële | Activa in aanbouwen vooruit | ||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | gebouwen | materieel | rollend materieel | vaste activa | betalingen | Totaal |
| Boekjaar eindigend op 31 december 2024 | ||||||
| Boekwaarde aan het begin van de periode | 75,9 | 300,6 | 0,9 | 1,1 | 83,0 | 461,5 |
| Aanschaffingen | 1,8 | 41,1 | 0,3 | 0,1 | 55,8 | 99,2 |
| Transferten | 1,7 | 42,9 | 0,0 | 0,1 | (46,0) | (1,3) |
| Vervreemdingen | 0,0 | (0,0) | (0,0) | 0,0 | 0,0 | (0,1) |
| Afschrijvingskosten | (4,1) | (38,6) | (0,3) | (0,2) | 0,0 | (43,1) |
| Bijzondere waardeverminderingen | 0,0 | (10,5) | 0,0 | 0,0 | 0,1 | (10,4) |
| Ontvangen kapitaalsubsidies | 0,0 | (0,9) | 0,0 | 0,0 | 0,0 | (0,9) |
| Wisselkoersverschillen | (0,9) | (5,5) | (0,0) | 0,0 | (1,3) | (7,8) |
| Gereclassificeerd als aangehouden voor verkoop | (0,1) | (2,5) | 0,0 | 0,0 | 3,1 | 0,5 |
| Boekwaarde aan het einde van de periode | 74,4 | 326,5 | 0,9 | 1,1 | 94,7 | 497,6 |
| waarvan kost | 126,2 | 634,3 | 3,8 | 4,2 | 94,7 | 863,3 |
| waarvan gecumuleerde afschrijvingen en bijzonderewaardeverminderingen | (51,8) | (307,8) | (2,9) | (3,2) | (0,0) | (365,7) |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| in miljoen € | Terreinen engebouwen | Installaties,machines enmaterieel | Meubilair enrollend materieel | Overige materiëlevaste activa | Activa in aanbouwen vooruitbetalingen | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Boekjaar eindigend op 31 december 2025 | ||||||
| Boekwaarde aan het begin van de periode | 74,4 | 326,5 | 0,9 | 1,1 | 94,7 | 497,6 |
| Aanschaffingen | 1,5 | 41,5 | (0,1) | 0,0 | 29,9 | 72,7 |
| Transferten | 3,5 | 41,9 | 0,2 | 0,0 | (44,5) | 1,1 |
| Vervreemdingen | (0,0) | (0,9) | (0,0) | 0,0 | (0,1) | (1,0) |
| Afschrijvingskosten | (4,3) | (39,9) | (0,2) | (0,2) | 0,0 | (44,6) |
| Bijzondere waardeverminderingen | 0,0 | (3,8) | 0,0 | 0,0 | (2,2) | (6,0) |
| Ontvangen kapitaalsubsidies | 0,0 | (1,0) | 0,0 | 0,0 | 0,0 | (1,0) |
| Wisselkoersverschillen | 0,6 | (1,4) | 0,0 | (0,0) | 0,2 | (0,6) |
| Boekwaarde aan het einde van de periode | 75,6 | 362,9 | 0,8 | 0,9 | 77,9 | 518,1 |
| waarvan kost | 132,4 | 682,4 | 3,9 | 4,2 | 77,9 | 900,8 |
| waarvan gecumuleerde afschrijvingen en bijzonderewaardeverminderingen | (56,8) | (319,5) | (3,1) | (3,3) | 0,0 | (382,7) |
De aanschaffingen van materiële vaste activa vertegenwoordigen hoofdzakelijk investeringen in uitbreidingen van de capaciteit, in innovatie, in efficiëntieverbetering en in IT-infrastructuur.
De bijzondere waardeverminderingen in 2025 voor 6,0 miljoen € zijn voornamelijk gelinkt aan de optimalisatie van de productie-allocatie doorheen de Groep, wat ervoor zorgde dat bepaalde machines niet langer in gebruik zijn. De bijzondere waardeverminderingen in 2024 bedroegen 10,4 miljoen € en waren voornamelijk gelinkt aan de Belgische herstructurering met de sluiting van de site in Eeklo en de reorganisatie van de site in Buggenhout, wat tot het stopzetten van een aantal productielijnen heeft geleid, alsook een transfer van bepaalde productielijnen naar andere sites binnen de Groep. Dit had een totale impact van 6,4 miljoen €.
De afschrijvingskosten zijn als volgt opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening:
| Afschrijvingskosten | Boekjaar | |
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Kostprijs van de omzet | 40,5 | 38,7 |
| Distributiekosten | 1,2 | 1,3 |
| Verkoop -en marketingkosten | 0,1 | 0,1 |
| Algemene beheerskosten | 1,1 | 1,4 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 1,6 | 1,6 |
| Totaal | 44,6 | 43,1 |
Er werden geen materiële vaste activa in pand gegeven, behalve voor bepaalde machines in het kader van lokale leningen.
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.11 Leaseovereenkomsten
| Terreinen | Installaties, machines | Meubilair | ||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | en gebouwen | en materieel | en rollend materieel | Totaal |
| Boekjaar eindigend op 31 december 2024 | ||||
| Boekwaarde aan het begin van de periode | 92,3 | 2,3 | 10,6 | 105,2 |
| Aanschaffingen | 3,5 | 2,0 | 7,5 | 13,0 |
| Afschrijvingskosten | (14,6) | (1,2) | (5,4) | (21,2) |
| Wijzigingen aan lease verplichtingen | 3,7 | 0,1 | 0,0 | 3,7 |
| Wisselkoersverschillen | 0,3 | (0,0) | (0,1) | 0,1 |
| Boekwaarde aan het einde van de periode | 85,2 | 3,0 | 12,7 | 100,9 |
| waarvan kost | 158,0 | 6,3 | 23,4 | 187,8 |
| waarvan gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | (72,8) | (3,3) | (10,7) | (86,8) |
| Boekjaar eindigend op 31 december 2025 | ||||
| Boekwaarde aan het begin van de periode | 85,2 | 3,0 | 12,7 | 100,9 |
| Aanschaffingen | 39,6 | 1,1 | 12,3 | 53,0 |
| Afschrijvingskosten | (14,9) | (1,2) | (5,7) | (21,8) |
| Bijzondere waardeverminderingen | (0,2) | 0,0 | 0,0 | (0,2) |
| Wijzigingen aan lease verplichtingen | 11,5 | (0,3) | (2,7) | 8,5 |
| Wisselkoersverschillen | (2,0) | 0,0 | 0,2 | (1,8) |
| Boekwaarde aan het einde van de periode | 119,3 | 2,7 | 16,7 | 138,7 |
| waarvan kost | 196,9 | 4,8 | 27,8 | 229,5 |
| waarvan gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | (77,7) | (2,1) | (11,0) | (90,8) |
De Groep leaset voornamelijk fabrieksruimtes en opslagplaatsen (leaseperiode tussen 3 en 25 jaar), machines (leaseperiode van gemiddeld 5 jaar) en bedrijfsvoertuigen (leaseperiode tussen 4 en 5 jaar).
Voor de leaseovereenkomsten met betrekking tot terreinen en gebouwen is de Groep blootgesteld aan eventuele toekomstige stijgingen van variabele leasebetalingen gebaseerd op een index, die pas opgenomen worden in de leaseverplichting op het moment dat deze van toepassing zijn. Wanneer aanpassingen aan leasebetalingen op basis van een index of rentevoet van toepassing worden, dan wordt de leaseverplichting herrekend en aangepast tegen het recht-op-gebruik actief.
Een aantal leaseovereenkomsten in de Groep omvatten verlengingsopties en/of beëindigingsopties. Deze dienen om de Groep operationele flexibiliteit te verstrekken op het vlak van beheer van activa die gebruikt worden in de activiteiten van de Groep. Per 31 december 2025 sluiten de leaseverplichtingen een bedrag van 15,4 miljoen € aan eventuele toekomstige kasuitstromen (niet verdisconteerd) uit, aangezien de Groep van oordeel is dat
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
deze verlengingsopties en/of beëindigingsopties niet met redelijke zekerheid zullen worden uitgeoefend (2024: 15,4 miljoen €).
In de geconsolideerde resultatenrekening zijn de volgende bedragen met betrekking tot leaseovereenkomsten opgenomen:
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Kostprijs van de omzet | 8,7 | 8,4 |
| Distributiekosten | 9,0 | 8,8 |
| Verkoop- en marketingkosten | 1,4 | 1,3 |
| Algemene beheerskosten | 2,6 | 2,8 |
| Overige bedrijfsopbrengsten/(-kosten) | 0,0 | 0,0 |
| Totale afschrijvingskosten | 21,8 | 21,2 |
| Interestkosten | 4,8 | 4,5 |
| Kost met betrekking tot korte-termijnleases | 16,8 | 16,0 |
| Kost met betrekking tot lage-waarde-leases | 0,2 | 0,2 |
| Kost met betrekking tot variabele leasebetalingen | 5,9 | 4,1 |
De leaseverplichtingen worden beschreven in toelichting FIN-4.17.
FIN-4.12 Voorraden
Voorraden kunnen als volgt worden opgesplitst:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Grondstoffen | 118,7 | 128,2 |
| Goederen in bewerking | 1,1 | 1,4 |
| Gereed product | 167,0 | 175,1 |
| Overige | 3,1 | 6,6 |
| Bijzondere waardevermindering op voorraden | (15,2) | (18,3) |
| Voorraden | 274,7 | 292,9 |
De Groep gebruikt voornamelijk pulp, super-absorbers en niet-geweven stoffen. Overige grondstoffen die de Groep voor de productie gebruikt zijn onder andere polyethyleen, lijmen en tapes als basisgrondstoffen. De afgewerkte producten zijn babyluiers, babybroekjes, maandverbanden, tampons, inlegkruisjes, incontinentieproducten en handelsgoederen.
De voorraadkosten opgenomen als kosten onder "Kostprijs van de omzet" bedroegen in 2025 1.282,2 miljoen € (1.316,7 miljoen € in 2024).
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.13 Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen
De kortlopende handels- en overige vorderingen worden hieronder beschreven:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Handelsvorderingen | 191,0 | 208,1 |
| Min: voorziening voor bijzondere waardeverminderingen ophandelsvorderingen | (4,2) | (4,0) |
| Handelsvorderingen -netto | 186,8 | 204,1 |
| Vooruitbetalingen | 12,0 | 3,4 |
| Overige vorderingen | 66,7 | 63,9 |
| Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | 78,7 | 67,2 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen -kortlopend | 265,5 | 271,3 |
"Overige vorderingen" omvatten terugvorderbare btw voor een bedrag van 63,7 miljoen € voor 2025 (2024: 59,0 miljoen €). De reële waarde van de kortlopende vorderingen benadert de boekwaarde. De stijging in vooruitbetalingen is voornamelijk verklaard door de verzekeringsvordering ten gevolge van het incident na de hevige regen in Segovia in de eerste jaarhelft.
De ouderdomsanalyse van de netto handelsvorderingen per 31 december is als volgt:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Niet vervallen | 158,1 | 183,8 |
| 0 tot 30 dagen | 15,1 | 12,3 |
| 31 tot 60 dagen | 4,2 | 2,9 |
| 61 tot 90 dagen | 1,9 | 1,5 |
| Meer dan 90 dagen | 7,5 | 3,6 |
| Totaal | 186,8 | 204,1 |
De Groep past geen systematische externe credit rating toe.
De boekwaarde van de handelsvorderingen (netto) van de Groep wordt uitgedrukt in de volgende valuta's:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| EUR | 79,6 | 75,7 |
| PLN | 30,0 | 35,9 |
| USD | 23,4 | 34,9 |
| GBP | 23,3 | 28,0 |
| RUB | 16,8 | 12,9 |
| Overige | 13,7 | 16,8 |
| Totaal | 186,8 | 204,1 |
In de loop van het jaar zijn de betalingsvoorwaarden voor de vorderingen noch verslechterd noch heronderhandeld die de algemene betalingstermijnen beïnvloeden. Het maximale kredietrisico aan het einde van de rapportageperiode is de boekwaarde van elke regel van hierboven vermelde vorderingen. De Groep houdt geen onderpand als zekerheid.
Een bijzondere waardeverminderingsanalyse van de handelsvorderingen wordt gebaseerd op de verwachte verliezen, naast individuele beoordelingen, maar er zijn geen belangrijke significante bijzondere waardeverminderingen.
Mutaties in de voorzieningen voor bijzondere waardeverminderingen van de Groep met betrekking tot handelsvorderingen zijn als volgt:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Openingsaldo | 4,0 | 4,4 |
| Bijzondere waardevermindering op handelsvorderingen | (0,0) | 0,5 |
| Tijdens het jaar afgeboekte handelsvorderingen wegensoninbaar | 0,1 | (0,7) |
| Terugname van bijzondere waardeverminderingen ophandelsvorderingen | 0,0 | (0,0) |
| Wisselkoersverschillen | 0,1 | (0,1) |
| Eindsaldo | 4,2 | 4,0 |
De Groep past de vereenvoudigde benadering van IFRS 9 toe op alle handelsvorderingen en contractactiva voor de bepaling van de verwachte kredietverliezen die gebruik maakt van een voorziening voor de tijdens de looptijd te verwachten kredietverliezen. Voor de bepaling van de verwachte kredietverliezen worden de handelsvorderingen en contractactiva gegroepeerd op basis van gemeenschappelijke kenmerken met betrekking tot kredietrisico en het aantal dagen vervallen.
Het opzetten en de vrijval van de voorziening voor oninbare debiteuren zijn opgenomen in "Verkoop- en marketingkosten" in de resultatenrekening.
Factoring
De Groep beschikt over een langlopende, doorlopende gesyndiceerde 'non-recourse' factoringovereenkomst met BNP Paribas Fortis Factoring en KBC Commercial Finance (de "Factoringmaatschappij"). De overeenkomst voorziet in een kredietfaciliteit van maximaal 200,0 miljoen € en tot een bedrag van 95% van de goedgekeurde uitstaande klantenvorderingen op alle klanten die worden getransfereerd naar de factoringmaatschappij. De resterende 5% van de desbetreffende klantenvorderingen wordt betaald door de factoringmaatschappij aan de Groep op moment dat zij de betaling van de desbetreffende klant ontvangen waarna ook het resterende saldo uit de balans wordt genomen. De financiering per klant is beperkt tot 10% van het totaalbedrag van alle goedgekeurde openstaande klantenvorderingen die getransfereerd werden naar de factoringmaatschappij. Elke financiering binnen de kredietlimiet is non-recourse voor de Groep.
De langlopende, doorlopende gesyndiceerde factoringovereenkomst met BNP Paribas Fortis Factor en KBC Commercial Finance heeft een rentevoet gebaseerd op 3 maand EURIBOR + marge. De totale factorkosten, inclusief rente en factoringvergoedingen, bedragen 4,7 miljoen € in 2025 (2024: 7,1 miljoen €).
In overeenstemming met IFRS 9 – Financiële instrumenten worden alle non-recourse handelsvorderingen die zijn opgenomen in deze factoringprogramma's niet opgenomen voor het gedeelte waar geen aanhoudende betrokkenheid meer is.
Voor de langlopende, doorlopende gesyndiceerde factoringovereenkomst met BNP Paribas Fortis Factor en KBC Commercial Finance bedroegen de handelsvorderingen vóór factoring per 31 december 2025 180,3 miljoen €, waarvan 125,8 miljoen € niet langer werd opgenomen, wat leidt tot een aanhoudende betrokkenheid van 54,5 miljoen €. Per 31 december 2024 bedroegen de handelsvorderingen vóór factoring 185,3 miljoen €, waarvan 127,6 miljoen € niet werd opgenomen, wat leidde tot een aanhoudende betrokkenheid van 57,7 miljoen €.
Naast de hierboven vermelde factoringovereenkomst op Groepsniveau, zijn er op lokaal niveau een aantal non-recourse overeenkomsten van kracht. Bilaterale factoringovereenkomsten werden aangegaan voor Serenity (een Italiaanse dochteronderneming) met Ifitalia, Banca Sistema, MBFACTA S.p.A en BFF. De totale factoringkosten, inclusief rente en factoringvergoedingen, bedragen 3,1 miljoen € in 2025, versus 3,1 miljoen € in 2024.
Per 31 december 2025 werd een bedrag van 180,6 miljoen € aan financiering bekomen via deze factoringprogramma's (167,9 miljoen € in 2024). Dit is bovenop 4,2 miljoen € aan financiering door het gebruik van supply chain financiering aangeboden door onze klanten (6,4 miljoen € in 2024). Het totaal uitstaand factoring bedrag is bijgevolg 184,7 miljoen € per 31 december 2025 (2024: 175,8 miljoen €, inclusief factoring binnen activa aangehouden voor verkoop voor 1,5 miljoen €). Het risico op late betaling gerelateerd aan de factoring wordt als niet materieel beschouwd eind 2025 en 2024.
Uitgestelde vordering
Gedurende 2023 verkocht Ontex haar Mexicaanse activiteiten waarvoor een deel van de vergoeding geclassificeerd stond als uitgestelde vordering, ten bedrage van 28,6 miljoen per 31 december 2023 en 10,8 miljoen € per 31 december 2024. Het resterende bedrag per 31 december 2025 is 7,1 miljoen €. Het verschil met vorig jaar wordt verklaard door verdere betalingen gedurende 2025, die deel zijn van de kasstroom uit investeringsactiviteiten, en herwaarderingsverschillen aangezien het bedrag in Mexicaanse peso is ingeboekt.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.14 Geldmiddelen en kasequivalenten
De netto kaspositie zoals gepresenteerd in het geconsolideerd kasstroomoverzicht is als volgt:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Korte-termijndeposito's (niet langer dan 3 maanden) | 23,1 | 15,7 |
| Vrij beschikbare geldmiddelen | 47,2 | 41,3 |
| Totaal | 70,4 | 56,9 |
De boekwaarde van de geldmiddelen en kasequivalenten is een redelijke benadering van de reële waarde. Ontex Rusland heeft geldmiddelen die slechts tot op een bepaalde hoogte kunnen gebruikt worden door andere entiteiten binnen de Groep, maar die wel volledig toegankelijk zijn voor de dochteronderneming zelf en bijgevolg als geldmiddelen en kasequivalenten zijn opgenomen in de balans.
De kredietwaardigheid van de banken en financiële instellingen waarmee de Groep werkt, wordt vermeld in de volgende tabel:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| AA | 0,1 | 0,3 |
| A | 45,0 | 38,0 |
| BBB | 1,9 | 1,3 |
| Geen kredietscore | 23,4 | 17,3 |
| Totaal | 70,4 | 56,9 |
FIN-4.15 Kapitaal
Het kapitaal en uitgiftepremie van 1.208,0 miljoen € worden vertegenwoordigd door 82.347.218 (toegestane) aandelen, waarvan 2.349.986 eigen aandelen (2024: 1.260.044 eigen aandelen). Aldus houden externe aandeelhouders 79.997.232 gewone aandelen (2024: 81.087.174) aan.
Het uitgegeven kapitaal is volledig volstort en bestaat uit gewone aandelen zonder nominale waarde. Voor meer informatie omtrent het aantal toegestane aandelen, zie GOV-4.8.
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.16 Winst per aandeel
Overeenkomstig IAS 33 wordt de gewone winst per aandeel berekend door het nettoresultaat van de periode, toerekenbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij, te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar. Het aantal aandelen dat werd gebruikt voor 2025 is 80.164.404, wat het gewogen gemiddeld aantal aandelen is in 2025 (2024: 81.178.171 aandelen).
De verwaterde winst per aandeel dient berekend te worden door het nettoresultaat van de periode, toerekenbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij (na aanpassing van de effecten van alle potentiële verwaterde gewone aandelen) te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar, vermeerderd met het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen dat zou worden uitgegeven bij een omzetting van alle potentiële verwaterde gewone aandelen in gewone aandelen.
In het geval van Ontex Group NV is er geen effect van verwatering op het nettoresultaat toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen. Onderstaande tabel geeft de gegevens weer op het vlak van resultaat en aantal aandelen die gebruikt worden voor de berekening van de gewone en verwaterde winst per aandeel:
| Winst per aandeel | Boekjaar | |
|---|---|---|
| in € | 2025 | 2024 |
| Voor voortgezette activiteiten | ||
| Gewone winst per aandeel | 0,21 | 0,26 |
| Verwaterde winst per aandeel | 0,20 | 0,25 |
| Aangepaste gewone winst per aandeel | 0,38 | 0,93 |
| Aangepaste verwaterde winst per aandeel | 0,36 | 0,89 |
| Voor voortgezette en beëindigde activiteiten | ||
| Gewone winst per aandeel | (2,16) | 0,13 |
| Verwaterde winst per aandeel | (2,16) | 0,12 |
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Gewone winst | ||
| Winst/(verlies) uit voortgezette activiteiten toewijsbaar aan dehouders van gewone aandelen vande Vennootschap | 16,6 | 20,9 |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan de houders van gewoneaandelen van de Vennootschap | (173,5) | 10,3 |
| Verwaterde winst | ||
| Winst/(verlies) uit voortgezette activiteiten toewijsbaar aan dehouders van gewone aandelen van de Vennootschap | 16,6 | 20,9 |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan de houders van gewoneaandelen van de Vennootschap | (173,5) | 10,3 |
| Aangepaste gewone winst | ||
| Winst voor de periode toewijsbaar aan de houders vangewone aandelen van de Vennootschap | 16,6 | 20,9 |
| EBITDA aanpassingen | 19,1 | 72,7 |
| Belastingscorrectie | (5,0) | (17,9) |
| Aangepaste gewone winst | 30,7 | 75,8 |
| Aanpassing verwatering | - | - |
| Aangepaste gewone winst, na verwatering | 30,7 | 75,8 |
| Aantal aandelen | Boekjaar | |
| 2025 | 2024 | |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen |
tijdens de periode 80.164.404 81.178.171 Verwatering 4.121.391 3.997.921
Een gewogen gemiddeld aantal van 1.019.796 opties werd niet opgenomen in de noemer van de verwaterde winst per aandeel aangezien zij "out-of-the-money" waren op jaareinde 2025 (2024: 1.430.523 opties).
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.17 Rentedragende leningen
| 31 december | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Leningen: | 394,8 | 577,4 | |
| Niet-achtergestelde obligaties | 394,7 | 577,2 | |
| Overige leningen | 0,1 | 0,1 | |
| Lease-enoverige verplichtingen: | 123,3 | 89,8 | |
| Leaseverplichtingen | 123,3 | 89,8 | |
| Langlopende leningen | 518,1 | 667,1 | |
| Leningen: | 108,0 | 33,3 | |
| Wentelkredietfaciliteit | 98,3 | 24,0 | |
| Toerekenbare interesten | 9,7 | 9,3 | |
| Lease-en overige verplichtingen: | 21,3 | 19,8 | |
| Leaseverplichtingen | 21,3 | 19,8 | |
| Kortlopende leningen | 129,3 | 53,1 | |
| Totaal rentedragende leningen | 647,4 | 720,2 |
Alle leningen zijn uitgedrukt in € per 31 december 2025.
Op 27 november 2024 herfinancierde de Groep haar wentelkredietfaciliteit van 242,5 miljoen € met een vervaldatum in december 2025 met een nieuwe wentelkredietfaciliteit voor een bedrag van 270,0 miljoen € en een vervaldatum in november 2029. De faciliteit heeft een interestvoet van EURIBOR 1 maand plus een marge. De marge hangt af van de 'hefboomratio' en bedraagt 2,35% bij de hefboomratio van 3,29 op eind 2025. Op 31 december 2025 werd een bedrag van 100,0 miljoen € opgenomen onder de wentelkredietfaciliteit, versus 24,0 miljoen € per 31 december 2024.
Op 3 april 2025 herfinancierde de Groep haar niet-achtergestelde obligaties van 580,0 miljoen € met vervaldag in juli 2026 door een nieuwe niet-achtergestelde obligaties met vaste interestvoet van 5,25% en vervaldatum in 2030 voor een bedrag van 400,0 miljoen €.
De volgende tabel geeft een aansluiting van de mutaties van de financiële verplichtingen met de kasstromen uit financieringsactiviteiten:
| Strategisch | ||||
|---|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Niet-kas mutaties | Waarvan | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Openingsaldo | Kasstromen | Verwervingen | Descope | Wisselkoersen | Reclassificaties | Overige | Eindsaldo | aangehoudenvoorverkoop |
| 31 december 2024 | |||||||||
| Langlopende leningen: | |||||||||
| Leningen | 575,7 | (0,1) | - | - | 0,0 | - | 1,7 | 577,4 | - |
| Lease-enoverige verplichtingen | 111,3 | (24,7) | 13,6 | (0,4) | (2,4) | (1,8) | 5,0 | 100,7 | 10,9 |
| Kortlopende leningen: | |||||||||
| Leningen | 123,5 | (92,0) | - | 0,0 | 0,0 | - | 1,8 | 33,3 | - |
| Lease-enoverige verplichtingen | 23,0 | 0,7 | - | (0,1) | (0,3) | 1,8 | (0,0) | 25,0 | 5,2 |
| Totale schulden van financieringsactiviteiten | 833,5 | (116,1) | 13,6 | (0,5) | (2,7) | 0,0 | 8,5 | 736,3 | 16,1 |
| In het kasstroomoverzicht (financieringsactiviteiten) als volgt opgenomen: | |||||||||
| Opbrengsten uit leningen | 67,4 | ||||||||
| [35]Aflossing van leningen | (183,6) | ||||||||
| 31 december 2025 | |||||||||
| Langlopende leningen: | |||||||||
| Leningen | 577,4 | (186,2) | - | - | 0,0 | - | 3,7 | 394,8 | - |
| Lease-enoverige verplichtingen | 100,7 | (25,0) | 53,4 | (13,3) | (3,2) | 1,5 | 9,2 | 123,3 | - |
| Kortlopende leningen: | |||||||||
| Leningen | 33,3 | 73,9 | - | - | 0,0 | 0,0 | 0,8 | 108,0 | - |
| Lease-enoverige verplichtingen | 25,0 | (0,3) | - | (1,9) | 0,1 | (1,5) | (0,0) | 21,3 | - |
| Totale schulden van financieringsactiviteiten | 736,3 | (137,6) | 53,4 | (15,2) | (3,2) | 0,0 | 13,7 | 647,4 | - |
| In het kasstroomoverzicht (financieringsactiviteiten) als volgt opgenomen: | |||||||||
| Opbrengsten uit leningen | 467,8 | ||||||||
| [36]Aflossing van leningen | (605,4) |
[35] Aflossing van leningen verschilt van de 184,7 miljoen € zoals opgenomen in toelichting FIN-3.5 aangezien het terugkoopprogramma van aandelen daar opgenomen is voor 1,1 miljoen €.
[36] Aflossing van leningen verschilt van de 616,6 miljoen € zoals opgenomen in toelichting FIN-3.5 aangezien het terugkoopprogramma van aandelen daar opgenomen is voor 11,2 miljoen €.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.17.1 Onderpand voor leningen
De Groep is onderhevig aan informatieconvenanten op regelmatige tijdstippen en bepaalde financiële ratio's worden opgevolgd. Op jaareinde 2025 en 2024 werd aan alle convenanten voldaan.
Er werden geen activa als onderpand gegeven in het kader van de gesyndiceerde termijnleningen. Evenwel zijn bepaalde dochterondernemingen borgstellers voor deze leningen. Voor lokale leningen worden bepaalde machines in pand gegeven.
FIN-4.17.2 Overige informatie
Serenity Spa beschikt over kredietlijnen voor een totaal van 50,0 miljoen €, waarvan 26,2 miljoen € is gebruikt door middel van uitgifte van externe bankgaranties:
- 25,0 miljoen € van UniCredit
- 25,0 miljoen € van BPER
Een kredietlijn van 1,0 miljoen AUD werd toegekend aan Ontex Manufacturing Pty Ltd door Commonwealth Bank Australia, waarvan 0,1 miljoen AUD werd gebruikt.
FIN-4.18 Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen
De Groep kent haar werknemers en gepensioneerde werknemers vergoedingen na uitdiensttreding, lange-termijn-personeelsbeloningen en ontslagvergoedingen toe. Deze beloningen zijn opgenomen in overeenstemming met IAS 19. De bijhorende in de balans opgenomen IAS 19-verplichting kan als volgt worden samengevat:
| 31 december | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | 13,4 | 12,8 | |
| Lange-termijn-personeelsbeloningen | 0,6 | 0,6 | |
| Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 14,0 | 13,4 | |
| Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 32,8 | 45,3 | |
| Nettoverplichting | 46,8 | 58,7 |
De berekening van de verplichting is gebaseerd op actuariële veronderstellingen die zijn vastgesteld op de diverse balansdata. Ze zijn niet alleen gebaseerd op de macro-economische factoren die golden op de datums in kwestie, maar ook op de specifieke kenmerken van de verschillende regelingen, die gewaardeerd werden. Zij vertegenwoordigen de beste schatting van de Groep voor de toekomst. Ze worden periodiek beoordeeld in overeenstemming met de evolutie van de markten en de beschikbare statistieken.
Vergoedingen na uitdiensttreding
Ontex betaalt onder de toegezegde-bijdrageregelingen aan zowel staats- als particuliere pensioenregelingen binnen de Groep. Daarnaast heeft Ontex in België ook verzekerde toegezegde-pensioenregelingen en heeft Ontex tevens de verplichting om werknemers in Frankrijk die met pensioen gaan een ontslagvergoeding te betalen.
Ontex heeft ook een aantal niet-gefinancierde pensioenregelingen ten aanzien van haar Duitse activiteiten. De Duitse bedrijfsactiviteiten financieren geen pensioenregelingen, maar nemen in de balans pensioenregelingsverplichtingen op, dit op basis van IAS 19. De pensioenuitkeringen worden betaald door de betrokken vennootschap als ze verschuldigd zijn.
De Groep heeft enkele toegezegde-bijdrageregelingen die vaste bijdragen krijgen. De wettelijke of bijdragende verplichting van de Groep aan deze plannen zijn beperkt tot de bijdragen. De
Commissaris Informatie over dit rapport
kost opgenomen in de huidige periode met betrekking tot deze bijdragen bedraagt 2,9 miljoen € (zie ook toelichting FIN-4.22; 2024: 3,6 miljoen €).
In België zijn toegezegde-bijdrageregelingen wettelijk onderhevig aan een minimum gewaarborgd rendement en worden derhalve behandeld als toegezegde-pensioenregeling. In de praktijk wordt deze garantie hoofdzakelijk gedekt door verzekeringsmaatschappijen. Omdat er geen financieringstekort is op 31 december 2025 is er geen verplichting opgenomen in de balans (2024: nihil). De gecumuleerde reserves van deze regelingen zijn gelijk aan de activa. Er zijn geen risico's waaraan de regeling de entiteit blootstelt, meer specifiek vanuit enige ongewone, entiteitsgebonden of regelingsgebonden risico's, en enige significante concentratie van risico.
Reconciliatie van de verplichtingen met betrekking tot vergoedingen na uitdiensttreding
| Opname van de verplichting | 31 december | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Toegezegde-pensioenregelingen op het einde van de periode | (38,3) | (32,0) | |
| Reële waarde van fondsbeleggingen op het einde van deperiode | 26,6 | 20,8 | |
| Netto (verplichting)/actief in balans | (11,7) | (11,2) | |
| waarvan gefinancierd | (11,7) | (11,2) |
| Toegezegde-pensioenregelingen | 31 december | |
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Pensioenkosten over huidige diensttijd | (1,9) | (2,1) |
| Pensioenkosten over verstreken diensttijd | - | 0,4 |
| Pensioenkosten opgenomen in de resultatenrekening | (1,9) | (1,7) |
| Interestkosten met betrekking tot toegezegdepensioenregelingen | (1,3) | (1,1) |
| Interestopbrengsten uit fondsbeleggingen | 0,9 | 0,7 |
| Netto interestkosten | (0,4) | (0,4) |
| Pensioenkost | (2,4) | (2,1) |
| Reconciliatie van de verplichting | 31 december | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Verplichting uit hoofde van toegezegde-pensioenregeling aanhet begin van het jaar | (32,0) | (32,0) | |
| Overige significante gebeurtenissen (overdrachten) | (3,7) | - | |
| Opgenomen pensioenkosten: | (1,9) | (1,7) | |
| Pensioenkosten over huidige diensttijd | (1,9) | (2,1) | |
| Pensioenkosten over verstreken diensttijd | - | 0,4 | |
| Interesten met betrekking tot toegezegdepensioenregelingen | (1,3) | (1,1) | |
| Werknemersbijdrage | (0,0) | (0,1) | |
| Administratieve kosten opgenomen in toegezegdepensioenregelingen | 0,1 | 0,1 | |
| Belastingen voorzien in de toegezegde-pensioenregelingen | 0,2 | 0,2 | |
| Pensioenbetalingen volgens plan | 0,5 | 1,0 | |
| Pensioenbetalingen ten laste van de werkgever | 0,6 | 0,7 | |
| Effect van wijzigingen in de financiële veronderstellingen | 0,2 | 0,2 | |
| Effect van aanpassingen op basis van de ervaring | (1,0) | 0,6 | |
| Effect van wisselkoersverschillen | (0,0) | 0,1 | |
| Verplichting uit hoofde van toegezegde-pensioenregelingaan het einde van het jaar | (38,3) | (32,0) |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Reconciliatie van netto(verplichting)/actief in de balans | 31 december | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | ||
| Netto (verplichting)/actief bij begin van het jaar | (11,2) | (12,4) | ||
| Overige significante gebeurtenissen (overdrachten) | (0,0) | - | ||
| Kost voor toegezegde-pensioenregelingen opgenomen in deresultatenrekening | (1,9) | (1,7) | ||
| Netto interestkost | (0,4) | (0,4) | ||
| Totaal herwaarderingen opgenomen in de overige elementenvan het totaalresultaat | (0,7) | 1,0 | ||
| Werkgeversbijdrage | 2,6 | 2,2 | ||
| Effect van wisselkoersverschillen | (0,0) | 0,1 | ||
| Netto (verplichting)/actief op het einde van het jaar | (11,7) | (11,2) | ||
| waarvan deel van toegezegde-pensioenregelingen uit nietgefinancierde-regelingen | (11,7) | (11,2) |
De fondsbeleggingen bestaan uit verzekeringscontracten.
De verwachte bijdragen aan de pensioenplannen voor het boekjaar eindigend 31 december 2026 zijn 1,6 miljoen €.
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
|---|---|---|
| Reële waarde van de fondsbeleggingen aan het begin van hetjaar | 20,8 | 19,6 |
| Interestopbrengsten | 0,9 | 0,7 |
| Werkgeversbijdrage | 2,6 | 2,2 |
| Werknemersbijdrage | 0,0 | 0,1 |
| Overige significante gebeurtenissen (overdrachten) | 3,6 | - |
| Pensioenbetalingen | (0,5) | (1,0) |
| Pensioenbetalingen ten laste van de werkgever | (0,6) | (0,7) |
| Administratieve kosten opgenomen in toegezegdepensioenregelingen | (0,1) | (0,1) |
| Belastingen betaald uit fondsbeleggingen | (0,2) | (0,2) |
| Rendement op fondsbeleggingen (exclusiefinterestopbrengsten) | 0,1 | 0,2 |
| Reële waarde van fondsbeleggingen aan het einde vanhet jaar | 26,6 | 20,8 |
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Voornaamste actuariële veronderstellingen
| Polen | Mexico | België | Duitsland | Frankrijk | Italië | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 december 2025 | ||||||
| Disconteringsvoet | 5,30% | 9,73% | 3,95% | 3,05% / 3,59% / 3,80%pensioenen & jubileumen 2,40% ATZ | 3,60% | 3,30% |
| Verwachtelangetermijnrendement opfondsbeleggingen | 5,30% | 9,73% | 3,95% | 3,05% / 3,59% / 3,80%pensioenen & jubileumen 2,40% ATZ | 3,60% | 3,30% |
| Loonstijgingspercentage(bovenop de inflatie) | 5,60% in 20253,10% in 20262,40% daarna | 4,54% | 3,50% | n.v.t. / n.v.t. / 2,50% enkelATZ | 3,00% | n.v.t. |
| Inflatiepercentage | 5,20% in 20252,70% in 20262,50% daarna | 4,00% | 2,00% | 2,00% / 0,00% / 2,00%enkel pensioenen | 2,00% | 1,80% |
| Sterftetafel | Voor mannen: 90% PTTZ2024 mannenVoor vrouwen: 90% PTTZ2024 vrouwen | EMSSA 2015 | MR -5 / FR -5 | Heubeck 2018 G | INSEE 2019/2021 | IPS55 |
| Personeelsverloop(tabel) | 8,10% | O.b.v. ervaring van deonderneming | Mercer verlooptabel | n.v.t./n.v.t./Enkeljubileum: 10% van dewerknemers van 60 jaaren jonger | Klantentabel 2023,nihilna de leeftijd van 50 | 5% tot leeftijd van 50, 2%vanaf 51 tot pensioeninclusief een vergoedingvan vooruitbetalingen |
| Invaliditeitstabel | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. |
| Gewogen gemiddeldelooptijd | 10,2 | 10,1 | 0,8 | 5,9 | 9,8 | 6,5 |
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissaris | Informatie over dit rapport | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Polen | Mexico | België | Duitsland | Frankrijk | Italië | |
| 31 december 2024Disconteringsvoet | 5,80% | 9,90% | 3,55% | 3,30% / 3,46% / 3,50%pensioenen & jubileumand 2,00% ATZ | 3,40% | 3,30% |
| Verwachte langetermijnrendement opfondsbeleggingen | 5,80% | 9,90% | 3,55% | 3,30% / 3,46% / 3,50%pensioenen & jubileumand 2,00% ATZ | 3,40% | 3,30% |
| Loonstijgingspercentage(bovenop de inflatie) | 7,50% in 20252,70% in 20262,50% daarna | 4,54% | 3,50% | N/A / N/A / 2,50% enkelATZ | 3,70% | N/A |
| Inflatiepercentage | 5,20% in 20252,70% in 20262,50% daarna | 4,00% | 2,00% | 2,00% / 0,00% / 2,00%enkel pensioenen | 2,00% | 1,90% |
| Sterftetafel | Voor mannen: 90% PTTZ2023 mannenVoor vrouwen: 90% PTTZ2023 vrouwen | EMSSA09 | MR -5 / FR -5 | Heubeck 2018 G | INSEE 2018/2020 | IPS55 |
| Personeelsverloop(tabel) | 7,70% | O.b.v. ervaring van deonderneming | Mercer verlooptabel | n.v.t./n.v.t./Enkeljubileum: 10% van dewerknemers van 60 jaaren jonger | Klantentabel 2023, nihilna de leeftijd van 50 | 5% tot leeftijd van 50, 2%vanaf 51 tot pensioeninclusief een vergoedingvan vooruitbetalingen |
| Invaliditeitstabel | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. |
| Gewogen gemiddeldelooptijd | 10,3 | 11,0 | 4,8 | 6,7 | 10,1 | 7,1 |
Er zijn geen ongewone entiteitsgebonden of regelingsgebonden risico's waaraan de regeling de entiteit blootstelt en er zijn geen significante risicoconcentraties.
De sensitiviteitsanalyses hieronder zijn bepaald op basis van een methode die de invloed op de toegezegde-pensioenregeling van redelijke wijzigingen van de belangrijke veronderstellingen, aan het einde van de rapportageperiode, extrapoleert.
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissaris | Informatie over dit rapport | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Polen | Mexico | België | Duitsland | Frankrijk | Italië | ||
| 31 december 2024 | ||||||||
| Disconteringsvoet -0,25bp | (0,1) | (0,8) | (22,5) | (6,0) | (2,0) | (1,6) | ||
| Disconteringsvoet + 0,25bp | 0,1 | 0,8 | 22,2 | 5,8 | 1,9 | 1,5 | ||
| Loonstijging -0,25bp | (0,1) | (0,8) | (22,4) | (5,9) | (1,9) | (1,5) | ||
| Loonstijging + 0,25bp | 0,1 | 0,8 | 22,4 | 5,9 | 2,0 | 1,5 | ||
| 31 december 2025 | ||||||||
| Disconteringsvoet -0,25bp | (0,1) | (0,9) | (29,1) | (5,7) | (1,8) | (1,5) | ||
| Disconteringsvoet + 0,25bp | 0,1 | 0,8 | 28,6 | 5,5 | 1,8 | 1,5 | ||
| Loonstijging -0,25bp | (0,1) | (0,8) | (28,8) | (5,6) | (1,8) | (1,5) | ||
| Loonstijging + 0,25bp | 0,1 | 0,8 | 28,9 | 5,6 | 1,8 | 1,5 |
Vergoedingen na uitdiensttreding per land
| Opname van de verplichting | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Polen | Mexico | België | Duitsland | Frankrijk | Italië |
| 31 december 2024 | ||||||
| Verplichting uit hoofde van toegezegde-pensioenregeling op het einde van de periode | (0,1) | (0,8) | (21,9) | (5,7) | (2,0) | (1,5) |
| Reële waarde van fondsbeleggingen aan het einde van de periode | - | - | 20,8 | - | - | - |
| Netto (verplichting)/actief in balans | (0,1) | (0,8) | (1,1) | (5,7) | (2,0) | (1,5) |
| waarvan gefinancierd | (0,1) | (0,8) | (1,1) | (5,7) | (2,0) | (1,5) |
| 31 december 2025 | ||||||
| Verplichting uit hoofde van toegezegde-pensioenregeling op het einde van de periode | (0,1) | (0,8) | (28,7) | (5,4) | (1,8) | (1,5) |
| Reële waarde van fondsbeleggingen aan het einde van de periode | - | - | 26,6 | - | - | - |
| Netto (verplichting)/actief in balans | (0,1) | (0,8) | (2,0) | (5,4) | (1,8) | (1,5) |
| waarvan gefinancierd | (0,1) | (0,8) | (2,0) | (5,4) | (1,8) | (1,5) |
FIN-4.19 Uitgestelde belastingen en actuele belastingen
FIN-4.19.1 Uitgestelde belastingen
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als er een wettelijk afdwingbaar recht tot verrekening bestaat en als de uitgestelde belastingen uitgaan van eenzelfde fiscale autoriteit. De uitgestelde belastingvorderingen (DTA) en -verplichtingen (DTL) zijn toe te rekenen aan de volgende posten:
| 31 december | ||||
|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | |||
| in miljoen € | DTA | DTL | DTA | DTL |
| Immateriële activa | 1,1 | - | 1,7 | - |
| Materiële vaste activa | - | (36,7) | - | (40,1) |
| Leaseovereenkomsten | 18,5 | (21,9) | 14,1 | (17,9) |
| Voorraden | 3,3 | - | 2,6 | - |
| Financiële instrumenten | 6,3 | - | 7,9 | - |
| Personeelsbeloningen | 4,0 | - | 3,3 | - |
| Toegerekende kosten en overigeschulden | 3,3 | - | 5,1 | - |
| Overige | - | (0,3) | 4,0 | - |
| Fiscale verliezen | 164,5 | - | 156,8 | - |
| Belastingkrediet | 10,1 | - | 10,6 | - |
| Uitgestelde belastingvorderingenen-verplichtingen -Bruto | 210,9 | (58,9) | 206,2 | (58,0) |
| Niet-opgenomen netto uitgesteldebelastingvorderingen | (138,0) | - | (136,6) | - |
| Compensatie | (42,2) | 42,2 | (42,0) | 42,0 |
| Uitgestelde belastingvorderingenen -verplichtingen -Netto | 30,7 | (16,7) | 27,6 | (16,0) |
Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen voor tijdelijke verschillen, overgedragen fiscale aftrekken en overgedragen fiscale verliezen voor zover de realisatie van de betrokken belastingvordering via toekomstige belastbare winsten waarschijnlijk is.
De overgedragen fiscale verliezen hebben voornamelijk betrekking op België, Frankrijk, Verenigde Staten van Amerika en Spanje. In België en Frankrijk werden uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor de overgedragen fiscale verliezen ten belope van de in de nabije toekomst verwachte belastbare winsten.
Van de uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen verliezen en overgedragen fiscale aftrekken werd ten belope van 138,0 miljoen € (2024: 136,6 miljoen €) niet opgenomen in de balans, voornamelijk gerelateerd aan België, Frankrijk en Verenigde Staten van Amerika, die samen 86% van de niet erkende belastingvorderingen vertegenwoordigen. Fiscale verliezen kunnen in principe onbeperkt worden gecompenseerd.
De Groep heeft geen uitgestelde belastingen opgenomen die verband houden met investeringen in dochterondernemingen. Er is momenteel geen beleid of gedetailleerd plan met betrekking tot de betaling van dividenden binnen de Groep.
De Groep is in de perimeter voor pijler-2 vereisten. Pijler-2 belastingen zijn belastingen die voortvloeien uit belastingwetten die zijn uitgevaardigd of substantieel zijn uitgevaardigd om het pijler-2 kader, gepubliceerd door de OESO, te implementeren. Deze belastinghervorming heeft als doel ervoor te zorgen dat multinationale groepen belastingen betalen tegen een minimumtarief van 15% op inkomsten die ontstaan in elke jurisdictie waarin ze actief zijn, door een systeem van aanvullende belastingen toe te passen. De moedermaatschappij van de Groep is Ontex Group NV, gevestigd in België. Op 14 december 2023 heeft de Belgische regering de pijler-2 wetgeving inzake inkomstenbelastingen van kracht verklaard met ingang van 1 januari 2024. Aangezien de geconsolideerde omzetdrempel van 750,0 miljoen € wordt overschreden, is de Groep verplicht om een aanvullende belasting te betalen op de winsten van haar dochterondernemingen die belast worden tegen een effectief belastingtarief van minder dan 15%. Pijler-2 wetgeving is verder van kracht of substantieel van kracht in verschillende andere rechtsgebieden waar de Groep actief is, met ingang van het boekjaar beginnend op 1 januari 2024. De Groep heeft een tijdelijke verplichte vrijstelling van latente belastingen toegepast voor de gevolgen van de aanvullende belasting en verwerkt deze als een acute belasting op het moment dat deze verschuldigd is.
De pijler-2 wetgeving heeft geen materiële impact op de belastingpositie van de Groep, aangezien:
• In de meeste jurisdicties de vereenvoudigde pijler 2 effectieve belastingvoet meer dan 16% bedraagt en/of op zijn minst één van de transitie CbCR 'Safe Harbour' testen behaald zijn ("Routine Profits test" en/of "Simplified De-Minimis test);
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
• Er slechts een zeer beperkt aantal jurisdicties zijn waar de transitie CbCR 'Safe Harbour' uitzondering niet van toepassing is. Op basis van de uitgebreide pijler 2-berekeningen is de Groep echter niet onderhevig aan een extra pijler 2-belastingkost.
FIN-4.19.2 Actuele belastingen
| 31 december | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Actuele belastingvorderingen | 4,1 | 3,3 | |
| Actuele belastingverplichtingen | (25,3) | (31,8) |
De actuele belastingvorderingen zijn voornamelijk gerelateerd aan een teveel aan voorafbetalingen in vergelijking met de effectieve belastingverplichting voor het jaar. De actuele belastingverplichtingen omvatten 14,3 miljoen € aan schulden m.b.t. winstbelasting (2024: 23,7 miljoen €) en 11,0 miljoen € aan voorziening voor onzekere belastingposities (2024: 8,1 miljoen €).
FIN-4.20 Kortlopende en langlopende verplichtingen
Overige kortlopende verplichtingen (exclusief voorzieningen, actuele belastingverplichtingen, leningen en verplichtingen die rechtstreeks verband houden met vaste activa bestemd voor verkoop) kunnen als volgt worden weergegeven:
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Toegerekende kosten en overige schulden | 18,5 | 21,1 |
| Kortlopende toegerekende kosten en overige schulden | 18,5 | 21,1 |
| Handelsschulden | 432,7 | 440,1 |
| Personeelsbeloningen -kortlopend | 32,8 | 45,3 |
| Totaal kortlopende schulden | 489,8 | 506,5 |
Per 31 december 2024 bevatten de handelsschulden een toegerekende kost van 5,0 miljoen € gerelateerd aan de MedTech terugbetalingsmaatregel van de Italiaanse Gezondheidswet. Gedurende het jaar werd een bedrag van 4,3 miljoen € betaald en werd het resterende bedrag vrijgelaten in de resultatenrekening. Voor meer informatie over de MedTech terugbetalingsmaatregel, zie toelichting FIN-4.29.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.21 Voorzieningen
| in miljoen € | Juridischegeschillen | Herstructurering | Overige | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Openingssaldo | 6,8 | 31,4 | 0,1 | 38,3 |
| Toevoegingen voorzieningen | 0,2 | 3,4 | - | 3,6 |
| Teruggenomen bedragen | (0,1) | (1,0) | - | (1,1) |
| Aanwendingen tijdens het jaar | (5,4) | (20,4) | - | (25,8) |
| Gereclassificeerdals aangehoudenvoor verkoop | 0,7 | - | - | 0,7 |
| Wisselkoersverschillen | (0,1) | (0,0) | (0,0) | (0,1) |
| Per 31 december 2025 | 2,2 | 13,4 | 0,1 | 15,6 |
| waarvan kortlopend | 2,2 | 13,4 | 0,1 | 15,6 |
De Groep legt een voorziening aan voor juridische geschillen, die werden aangespannen tegen de Groep, door klanten, leveranciers of voormalige werknemers.
De herstructureringsprovisie per 31 december 2025 is voornamelijk gelinkt aan de herstructurering van de Belgische productie- en distributieactiviteiten, die werd aangekondigd in 2024, en wat enerzijds de sluiting van de site in Eeklo omvat en anderzijds de omvorming van de site in Buggenhout tot een expertisecentrum voor onderzoek, ontwikkeling en productie van producten voor medium en zware incontinentiezorg. Het deel van de provisie die reeds genomen was per 31 december 2024 en gebruikt is gedurende het jaar, is gerelateerd aan de verdere uitvoering van het sociaal plan in Eeklo (waarvoor het merendeel van de betalingen reeds gedaan was in 2024) en een eerste fase van het sociaal plan voor de site in Buggenhout, samen met andere gerelateerde projectkosten. De openstaande provisie per 31 december 2025 is voornamelijk gelinkt aan het resterende gedeelte van het sociaal plan in Buggenhout, samen met gerelateerde projectkosten.
Op 2 september 2014 werd de Groep in kennis gesteld door de Spaanse Nationale Concurrentie Commissie (CNMC) van hun onderzoek tegen 15 vennootschappen in de sector (waaronder 3 dochtervennootschappen van de Vennootschap: Ontex ES Holdco S.A., Ontex Peninsular S.A. en Ontex ID S.A.U.) naar vermeende inbreuken tegen prijsafspraken en andere commerciële condities in de Spaanse afzetmarkt voor incontinentieproducten. Op 26 mei 2016, naar aanleiding van het onderzoek, heeft CNMC zijn beslissing uitgevaardigd. In de beslissing worden 8 bedrijven, waaronder Ontex' Spaanse dochtervennootschappen, schuldig bevonden aan deelname aan een kartel. Naar aanleiding van haar betrokkenheid van 1999 tot 2014, ontving Ontex een boete van 5,2 miljoen €. Alle bedrijven, inclusief Ontex, tekenden beroep aan tegen de beslissing bij het Nationaal Hof, en nadat dit verworpen werd, bij het Hof van hoger beroep. Op 6 juli 2023 werd het beroep van Ontex geweigerd, waardoor de beslissing van het CNMC bindend werd gemaakt en de administratieve boete finaal. Naar aanleiding van dit geschil werd er een voorziening ten belope van 5,2 miljoen € aangelegd per 31 december 2016. Gedurende februari 2025 heeft Ontex een formeel verzoek tot betaling van de administratieve boete ontvangen, die overeenkomt met de voorziening, welke werd betaald op 12 maart 2025, waardoor de provisie werd vrijgegeven.
De Groep is momenteel van mening dat de bepalingen van de overige geschillen en claims, individueel of samen, geen belangrijke negatieve impact zou hebben op de geconsolideerde financiële situatie, resultaten van de activiteiten of liquiditeit.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.22 Kosten met betrekking tot personeelsbeloningen
| Kosten m.b.t. personeelsbeloningen | Boekjaar | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Bezoldigingen | (214,5) | (224,1) | |
| Sociale lasten | (56,8) | (63,8) | |
| Toegezegde-pensioenregeling -Pensioenkost van het dienstjaar | (1,9) | (1,7) | |
| Toegezegde-bijdrageregeling -Pensioenkost | (2,9) | (3,6) | |
| Overige personeelskosten | (52,9) | (49,2) | |
| Totaal | (329,0) | (342,4) |
| Gemiddeld totaal aantal werknemers | Boekjaar | ||
|---|---|---|---|
| in voltijdse equivalenten | 2025 | 2024 | |
| Arbeiders | 3.051 | 3.570 | |
| Bedienden | 1.870 | 1.888 | |
| Management | 59 | 68 | |
| Totaal | 4.980 | 5.526 |
FIN-4.23 Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten), netto
| Overige bedrijfsopbrengsten/(kosten), netto | Boekjaar | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Meerwaarde op de verkoop van activa | 0,4 | 0,0 | |
| Wisselkoersverschillen op bedrijfsactiviteiten | 4,3 | (8,1) | |
| Minderwaarde op de verkoop van activa | (0,5) | (0,1) | |
| [37]Overige opbrengsten/(kosten) | (1,5) | (2,0) | |
| Totaal | 2,7 | (10,1) |
[37] De "Overige opbrengsten/(kosten)" bestaan voornamelijk uit afschrijvingskosten op niet-gebruikte apparatuur en machines en pensioenuitgaven.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
FIN-4.24 EBITDA aanpassingen
| EBITDA aanpassingen | Boekjaar | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Herstructurering | (6,2) | (61,9) | |
| Opbrengsten en kosten gerelateerd aan wijzigingen ingroepsstructuur | (6,2) | (61,9) | |
| Bijzondere waardeverminderingen op activa | (11,6) | (10,6) | |
| Geschillen en juridische claims | (1,3) | (0,3) | |
| Overige | (0,1) | (0,0) | |
| Opbrengsten en kosten gerelateerd aan bijzonderewaardeverminderingen en significante geschillen | (13,0) | (10,8) | |
| Totaal | (19,1) | (72,7) |
Kosten die opgenomen zijn onder de rubriek EBITDA aanpassingen zijn die kosten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de gewone bedrijfsactiviteiten van de Onderneming. De Groep heeft deze classificatie overgenomen om een beter inzicht te krijgen in haar terugkerende financiële prestaties.
Deze EBITDA aanpassingen worden als volgt gepresenteerd in de geconsolideerde resultatenrekening:
- Opbrengsten en kosten met betrekking tot wijzigingen in de groepsstructuur; en
- Opbrengsten/(Kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen.
FIN-4.24.1 Opbrengsten en kosten gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur
Herstructurering
Het merendeel van de herstructureringskosten in 2024 zijn gerelateerd aan de Belgische herstructurering wat enerzijds de sluiting van de site in Eeklo omvat en anderzijds de omvorming van de site in Buggenhout tot een expertisecentrum voor onderzoek, ontwikkeling en productie van producten voor medium en zware incontinentiezorg. De totale kost, die het sociaal plan voor zowel Eeklo als Buggenhout bevat, maar ook andere gerelateerde kosten, bedraagt 61,3 miljoen €.
In 2025 werd een bijkomende kost van 2,5 miljoen € opgelopen in het kader van deze Belgische herstructurering. De resterende opgelopen kosten in 2025 zijn gelinkt aan kleinere herstructureringsprojecten in verschillende landen.
FIN-4.24.2 Opbrengsten en kosten gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen
Bijzondere waardevermindering van activa
De bijzondere waardeverminderingsverliezen in 2025 zijn gelinkt aan zowel immateriële vaste activa (5,4 miljoen €) aangezien een aantal ontwikkelingsprojecten werden gestopt, als materiële vaste activa (6,0 miljoen €), waarbij een aantal productielijnen niet langer gebruikt worden als gevolg van een optimalisatie van de productie-allocatie binnen de Groep.
Als gevolg van de Belgische herstructurering werden in 2024 een aantal productielijnen stopgezet, terwijl anderen verhuisd werden naar andere sites binnen de Groep. De combinatie van beide zaken had een impact van 6,4 miljoen €.
Geschillen en juridische claims
De Onderneming heeft specifieke juridische kosten opgelopen in het kader van bepaalde lopende of potentiële geschillen waarvan wordt verwacht dat zij zullen resulteren in een potentieel voordeel voor de Onderneming of in de vermijding van potentiële toekomstige uitgaven.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.25 Kosten volgens aard
De indeling van de kosten gebaseerd op de aard van de kosten is een alternatieve presentatie van de kosten opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening. Ze maken deel uit van "Kostprijs van de omzet", "Distributiekosten", "Verkoop- en Marketingkosten", "Algemene beheerskosten" en "Overige (netto) bedrijfsopbrengsten/kosten" met betrekking tot de jaren afgesloten op 31 december:
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen €Ref | 2025 | 2024 |
| Voorraadswijziging goederen in bewerking en afgewerkteproducten | (18,1) | 15,8 |
| Aangekochte grond- en hulpstoffen | (937,0) | (993,4) |
| Kosten verbonden aan personeelsbeloningen22 | (329,0) | (342,4) |
| Afschrijvingen9, 10, 11 | (77,5) | (74,1) |
| Verleende diensten | (281,7) | (287,4) |
| Leasebetalingen11 | (22,9) | (20,4) |
| Overige opbrengsten/(kosten)23 | 2,7 | (10,1) |
| Totaal kostprijs van de omzet, distributiekosten,verkoop- en marketingkosten, algemene beheerskostenen overige bedrijfsopbrengsten/(-kosten) | (1.663,5) | (1.712,0) |
FIN-4.26 Netto financiële kosten
De verschillende componenten van de netto financiële kosten zijn de volgende:
| Boekjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Interesten op vlottende activa | 5,1 | 4,2 | |
| Overige | 0,0 | 0,0 | |
| Financiële opbrengsten | 5,2 | 4,2 | |
| Interestkosten: | (45,2) | (43,7) | |
| Interesten op rentedragende groepsleningen | (30,0) | (26,4) | |
| Afschrijvingen van financieringskosten | (4,1) | (3,7) | |
| Interesten op andere leningen en andere verplichtingen | (11,0) | (13,7) | |
| Bankkosten | (1,6) | (1,6) | |
| Vergoeding voor factoring | (3,1) | (2,6) | |
| Verliezen op afgeleide instrumenten en kosten voor hedging | (2,2) | (1,2) | |
| Financiële kosten | (52,1) | (49,1) | |
| Nettowisselkoersverschillen op financieringsactiviteiten | (4,1) | (6,5) | |
| Netto financiële kosten volgens de resultatenrekening | (51,1) | (51,4) |
De interesten op andere leningen en andere verplichtingen omvatten ook de interestkosten op leaseverplichtingen zoals opgenomen in toelichting 0. De gestegen interestkosten op rentedragende groepsleningen worden voornamelijk verklaard door de overlap tussen de 580,0 miljoen € niet-achtergestelde obligaties, die pas volledig werden terugbetaald op 15 juli 2025, en de nieuwe 400,0 miljoen € niet-achtergestelde obligaties, die uitgegeven werden begin april. De daling in interestkosten op andere leningen is voornamelijk verklaard door de lagere interestkost voor factoring door het lagere gebruik hiervan gedurende 2025.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.27 Winstbelastingen
De winstbelasting (ten laste van)/ten gunste van de resultatenrekening gedurende het jaar is als volgt:
| Winstbelastingen | Boekjaar | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Actuele winstbelastingen -(kost)/opbrengst | (13,0) | (24,5) | |
| Uitgestelde belastingen - (kost)/opbrengst | 1,7 | 21,1 | |
| Totaal | (11,4) | (3,4) |
De winstbelasting kan als volgt gereconcilieerd worden:
| Winstbelastingen | Boekjaar | |
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Winst/(verlies) vóór winstbelastingen | 27,9 | 24,3 |
| Winstbelasting berekend aan geldende belastingvoeten | (7,6) | (5,7) |
| Verworpen uitgaven | (3,6) | (5,0) |
| Niet-belastbare opbrengsten | 1,7 | 3,1 |
| Fiscale verliezen van het huidige boekjaar waarvoor eenuitgestelde belastingvordering werd opgenomen | (13,5) | (10,9) |
| Opname van voorheen niet-opgenomen uitgesteldebelastingvorderingen op verliezen | 9,9 | 23,9 |
| Aanpassingen met betrekking tot voorbije jaren | 1,0 | (1,7) |
| Effect van wijziging in belastingvoeten | 0,4 | - |
| Bedrijfsvoorheffing | - | (4,2) |
| Overige | 0,4 | (2,8) |
| Totaal | (11,4) | (3,4) |
FIN-4.28 Op aandelen gebaseerde betalingen
Sinds september 2014 heeft de Groep lange termijn beloningsplannen ("LTIP") geïmplementeerd die gebaseerd zijn op een combinatie van aandelenopties (verder "Opties" genoemd) en voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (verder "RSU's" – Restricted Stock Units genoemd). In 2019 werd het langetermijnbeloningsplan gewijzigd in een combinatie van RSU's, Opties en prestatiegebonden voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (verder "PSU's" - Performance Stock Units), waarbij elk één derde van de toegekende waarde van de lange termijn beloning vertegenwoordigt. Vanaf 2021 worden enkel nog PSU's toegekend. Dit was ook het geval in 2025, op een apart plan voor de leden van de Raad van Bestuur na, aan wie een aantal RSU's werden toegekend. De Opties, RSU's en PSU's worden gewaardeerd als op aandelen gebaseerde betalingen die in eigen vermogensinstrumenten worden afgewikkeld. Opties, RSU's en PSU's kunnen enkel onvoorwaardelijk eigendom worden drie jaar na de toekenning en Opties die het recht geven om aandelen te ontvangen van de Groep (verder genoemd de "Aandelen") of enig ander recht om aandelen te ontvangen kunnen pas uitgeoefend worden drie jaar na de toekenning. De toekenning van de plannen zal onvoorwaardelijk toegekend worden op voorwaarde dat de deelnemer in dienst blijft. De aandelenprijs wordt beschouwd als de relevante performantie-indicator en het onvoorwaardelijk toekennen van de plannen zal niet onderhevig zijn aan bijkomende specifieke performantie-indicatoren. De statuten kunnen de Groep toelaten om van deze regel af te wijken in overeenstemming met het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
De uitoefenprijs van de opties zal gelijk zijn aan de laatste slotkoers van het aandeel die onmiddellijk voorafgaat aan de datum van het toekennen van de optie. Voor de opties zal de uitoefenperiode starten op de datum waarop ze onvoorwaardelijk zijn geworden ("vesting date").
De onderliggende aandelen van de RSU's en PSU's worden toegekend zonder vergoeding zo snel als mogelijk na de datum van onvoorwaardelijk worden ("vesting date").
Wanneer de RSU's en PSU's onvoorwaardelijk zijn geworden, worden de onderliggende Aandelen van de RSU's en PSU's getransfereerd naar de deelnemers. Op het moment van het onvoorwaardelijk worden, mogen de Opties uitgeoefend worden tot hun vervaldatum (8 jaar na de datum van toekenning).
Op of rond 15 juni 2018 werden een totaal van 471.064 aandelenopties en 93.576 RSU's toegekend, 173.236 opties en 93.576 RSU's zijn opgegeven, vervallen of uitgeoefend per 31 december 2025. De aandelenopties zijn uitoefenbaar tussen juni 2021 en juni 2026.
Op of rond 13 juni 2019 werden een totaal van 393.403 aandelenopties, 124.420 RSU's en 124.420 PSU's toegekend. 183.421 opties, 124.420 RSU's en 124.420 PSU's zijn opgegeven, vervallen of uitgeoefend per 31 december 2025. De aandelenopties zijn uitoefenbaar tussen juni 2022 en juni 2027.
Op of rond 28 mei 2020 werden een totaal van 374.622 aandelenopties, 119.244 RSU's en 119.244 PSU's toegekend. 243.676 opties, 119.244 RSU's en 119.244 PSU's zijn opgegeven, vervallen of uitgeoefend per 31 december 2025. De aandelenopties zijn uitoefenbaar tussen juni 2023 en juni 2028.
Op of rond 27 mei 2021 werden een totaal van 432.438 PSU's toegekend. 432.438 PSU's zijn opgegeven of uitgeoefend per 31 december 2025.
Op of rond 10 maart 2022 werden een totaal van 611.477 PSU's toegekend. 611.477 PSU's zijn opgegeven of uitgeoefend per 31 december 2025.
Gedurende 2023 werden LTIP plannen toegekend, bestaande uit 5.206.379 PSU's. 1.186.346 PSU's zijn opgegeven per 31 december 2025.
Gedurende 2024 werden nieuwe LTIP plannen toegekend, bestaande uit 301.634 PSU's. 64.786 PSU's zijn opgegeven per 31 december 2025.
Gedurende de periode werden nieuwe LTIP plannen toegekend, bestaande uit 140.512 PSU's en 62.382 RSU's. 8.258 PSU's zijn opgegeven per 31 december 2025.
Volgende overeenkomsten aangaande op aandelen gebaseerde betalingen waren in voege tijdens het huidige en vorige boekjaar:
| Strategisch | Verklaring inzake Deugdelijk | Geconsolideerde | Verslagen van de | ||
|---|---|---|---|---|---|
| rapport | Bestuur | Jaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Commissaris | Informatie over dit rapport |
| Uitoefenprijs per optie | Gewogen gemiddelde | Aantal opties/RSU's | Aantal opties/RSU's | ||
|---|---|---|---|---|---|
| LTIP 2018 | Vervaldatum | (in €) | reële waarde (in €) | per 31 december 2025 | per 31 december 2024 |
| Opties | 2026 | 23,56 | 4,68 | 297.828 | 297.828 |
| LTIP 2019 | |||||
| Opties | 2027 | 14,00 | 3,99 | 209.982 | 209.982 |
| LTIP 2020 | |||||
| Opties | 2028 | 13,90 | 3,13 | 130.946 | 130.946 |
| LTIP 2022 | |||||
| PSU's | 2025 | n.v.t. | 7,30 | - | 349.383 |
| LTIP 2023 | |||||
| PSU's -Plan A | 2026 | n.v.t. | 2,49 | 2.942.949 | 2.942.949 |
| PSU's -Plan B | 2026 | n.v.t. | 2,47 | 1.003.605 | 1.003.635 |
| PSU's -Plan C | 2026 | n.v.t. | 2,34 | 73.479 | 78.114 |
| LTIP 2024 | |||||
| PSU's -Plan A | 2026 | n.v.t. | 1,31 | 188.173 | 188.173 |
| PSU's -Plan B | 2027 | n.v.t. | 1,10 | 48.675 | 65.490 |
| LTIP 2025 | |||||
| PSU's | 2028 | n.v.t. | 8,48 | 132.254 | - |
| RSU's | 2028 | n.v.t. | 4,90 | 62.382 | - |
| [38]Totaal uitstaande opties | 638.756 | 852.332 | |||
| Totaal uitstaande RSU's | 62.382 | - | |||
| Totaal uitstaande PSU's | 4.389.135 | 4.627.744 |
[38] Het totaal uitstaande aandelenopties van 852.332 voor 2024 bevat de aantallen voor LTIP 2017 per 31 december 2024 (213.576), aangezien deze nog uitstaand waren op dat moment, maar intussen vervallen zijn per 31 december 2025.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
De volgende tabel reconcilieert de opties, RSU's en PSU's uitstaande aan het begin en het einde van het jaar:
| Gemiddelde uitoefenprijsper optie (in €) [39] | Opties | RSU's | PSU's | |
|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2024 | 23,00 | 1.167.746 | - | 4.947.055 |
| Toegekend | - | - | - | 301.634 |
| Geannuleerd | 19,87 | (16.136) | - | (535.220) |
| Uitgeoefend | - | - | - | (85.725) |
| Vervallen | 26,20 | (299.278) | - | - |
| Per 31 december 2024 | 22,11 | 852.332 | - | 4.627.744 |
| Toegekend | - | - | 62.382 | 140.512 |
| Geannuleerd | - | - | - | (115.401) |
| Uitgeoefend | - | - | - | (263.720) |
| Vervallen | 33,11 | (213.576) | - | - |
| Per 31 december 2025 | 18,44 | 638.756 | 62.382 | 4.389.135 |
| waarvan verworven en uitoefenbaar | 638.756 | - | - |
De reële waarde van de PSU's voor LTIP 2025 is bepaald op basis van een stochastisch waarderingsmodel gebaseerd op de Monte Carlo methodologie. De verwachte volatiliteit die in het model werd gebruikt, is gebaseerd op de historische volatiliteit van de Onderneming.
Het overzicht hieronder geeft alle parameters weer die gebruikt werden in het model:
| LTIP 2018 | LTIP 2019 | LTIP 2020 | LTIP 2021 | LTIP 2022 | [40]LTIP 2023 | [40]LTIP 2024 | LTIP 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Uitoefenprijs (in €) | 23,56 | 14,00 | 13,90 | - | - | - | - | - |
| Verwachte volatiliteit van de aandelen | 25,63% | 37,98% | 31,90% | 43,12% | 39,01% | 34,14% | 27,53% | 30,37% |
| Verwacht rendement van de aandelen | 2,70% | 3,82% | 4,00% | 3,00% | 4,10% | 4,00% | 4,00% | 0,00% |
| Risicovrije rentevoet | 0,69% | 0,10% | -0,18% | 0,00% | 0,00% | 2,61% | 2,79% | 1,98% |
[39] De gemiddelde uitoefenprijs, weergegeven in de hierboven tabel, heeft enkel betrekking op de aandelenopties gezien de RSU's en PSU's geen uitoefenprijs hebben.
[40] LTIP 2023 en LTIP 2024 bestond respectievelijk uit drie en twee verschillende plannen. Aangezien de parameters zeer gelijkaardig zijn, werd het gemiddelde van de plannen opgenomen in bovenstaand overzicht.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
De marktwaarde van de RSU's en PSU's werd bepaald door de verwachte en verdisconteerde dividendenstromen af te trekken van de uitoefenprijs. Dezelfde als de hierboven vermelde parameters werden hiervoor gebruikt.
De totaal opgelopen kost voor de lange termijn beloningsplannen bedraagt 3,3 miljoen € gedurende 2025 (2024: 4,8 miljoen €) en is opgenomen in de 'Kosten met betrekking tot personeelsbeloningen'. De sociale lasten met betrekking tot het LTIP worden voorzien over de looptijd.
FIN-4.29 Voorwaardelijke verplichtingen
De Groep is betrokken bij een aantal geschillen met betrekking tot milieuzaken, contracten, productaansprakelijkheid, octrooien (of intellectuele eigendom), werkgelegenheid en andere claims in verband met onze bedrijfsactiviteiten.
- In oktober 2021 kondigde COFECE, de Mexicaanse mededingingsautoriteit, haar beslissing aan naar aanleiding van een onderzoek naar bepaalde historische werkwijzen in de persoonlijke hygiëne sector in Mexico. In deze beslissing bevestigde COFECE dat Grupo PI Mabe, S.A. de C.V. ("Mabe") en bepaalde individuen mededingingsovertredingen hebben begaan in periodes die voorafgingen aan de overname van Mabe door Ontex. Mabe tekende beroep aan tegen die beslissing wegens de ongrondwettelijkheid van de opgelegde boetes. In de aankoopovereenkomst voor de acquisitie van Mabe in 2016 ontving Ontex een volledige schadeloosstelling voor alle mogelijke boetes en juridische kosten van de verkopende aandeelhouders van Mabe. In mei 2023 werd de verkoop van Mabe aan Softys S.A. afgerond. Als deel van deze verkoop verleende Ontex een 'back-toback' schadeloosstelling aan Softys. Als gevolg hiervan verwacht de Groep niet dat de lopende procedures kunnen resulteren in een financiële kost voor Ontex.
- Per 31 december 2024 bevatten de handelsschulden een toegerekende kost van 5,0 miljoen € gerelateerd aan de "terugbetalingsmaatregel" voor medisch materiaal die geïntroduceerd werd via Artikel 9ter van de Italiaanse wet nr. 78/2015 (de "Terugbetalingswet"). De terugbetalingsmaatregel laat de Italiaanse regionale overheden toe om een compensatie te claimen bij leveranciers van medisch materiaal die meededen aan publieke tenders gedurende de periode 2015-2018 voor een pro rata gedeelte van het totaalbedrag van overschrijding van regionale gezondheidsbudgetten. Begin 2023 ontving Serenity SpA ("Ontex Italië") claims voor 17,2 miljoen € onder dergelijke terugbetalingsmaatregel voor de periode 2015-2018. Ontex Italië betwistte de claims, samen met ongeveer 1.800 andere leveranciers van medisch materiaal. In augustus 2024 bevestigde het Italiaans Grondwettelijk Hof dat de terugbetalingsmaatregel grondwettelijk is. In juni 2025 heeft de Italiaanse overheid een nieuw wetsbesluit uitgevaardigd dat een optie introduceert voor alle betrokken vennootschappen om een korting van 75% te bekomen op het geclaimd bedrag indien ze afzien van alle verdere wettelijke procedures met betrekking tot de periode 2015-2018 en het resterend bedrag betalen aan de regionale Italiaanse autoriteiten. Ontex heeft ervoor geopteerd om gebruik te maken van deze optie en heeft een bedrag van 4,3 miljoen € betaald aan de bevoegde Italiaanse autoriteiten. Voor de jaren na de periode 2015-2018 is het niet mogelijk om de kans op gelijkaardige claims van de Italiaanse regio's in te schatten, noch het bedrag van zulke mogelijke claims, aangezien het niet geweten is of de Italiaanse regio's hun budgetten
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
hebben overschreden voor die jaren (en indien wel, in welke mate). Bijgevolg heeft Ontex geen provisie voor die jaren.
- In juni 2025 diende Drylock Technologies NV een rechtszaak in tegen Ontex BV in de Regionale Rechtbank van München, Duitsland. De rechtszaak, die op 29 juli 2025 werd aangespannen, heeft betrekking op een schadevergoeding die zou zijn ontstaan als gevolg van een brief van Ontex aan klanten op 5 juli 2024 en de tenuitvoerlegging door Ontex van een vonnis in eerste aanleg wegens octrooi-inbreuk van de regionale rechtbank van Düsseldorf (zaak nr. 4a O 23/21). Dit volgde op een uitspraak in eerste aanleg van 2 juli 2024, waarin de octrooi-inbreuk door Drylock Technologies NV ("Drylock") op het octrooi EP 3 711 729 ("EP'729") van Ontex werd bevestigd. Drylock heeft bij het Europees Octrooibureau ("EOB") een nietigheidsvordering ingesteld tegen EP'729 en nadat het octrooi in eerste aanleg in licht gewijzigde vorm was gehandhaafd, is Drylock er op 24 maart 2025 in geslaagd om het octrooi in hoger beroep op formele gronden te laten vernietigen. In de schadezaak in München heeft Ontex op 12 december 2025 zijn eerste verweerschrift ingediend. De eerste mondelinge behandeling is momenteel gepland voor 23 april 2026. Wat de inhoud betreft, wordt het gevraagde schadebedrag (ongeveer 100 miljoen € plus een interest van 9 percent vanaf de aanspanning van de rechtszaak op 29 juli 2025) als uiterst speculatief en grotendeels ongefundeerd beschouwd, en dit standpunt wordt ondersteund door economische deskundigen. Ontex is van mening dat het zowel op procedurele als op inhoudelijke gronden over substantiële verweermiddelen beschikt en zal zijn standpunt krachtig verdedigen. In dit stadium verwacht het management niet dat de uitkomst van dit geschil een wezenlijk nadelig effect zal hebben op de financiële positie of de activiteiten van Ontex.
- In het boekjaar 2024 hebben de Mexicaanse belastingautoriteiten een belastingcontrole ingesteld met betrekking tot Productos Internacionales Mabe, S.A. de C.V. (Mabe), dat Ontex in 2023 heeft afgestoten. In het kader van deze afstoting heeft Ontex de koper een belastingvrijstelling verleend met betrekking tot belastingen die vóór de afronding van de transactie verschuldigd waren. De controle loopt nog en er is tot op heden geen definitieve aanslag opgelegd. In dit stadium verwacht het management niet dat de uitkomst van deze belastingcontrole een materieel nadelig effect zal hebben op de financiële positie of activiteiten van Ontex.
De Groep is momenteel van oordeel dat alle claims en geschillen, individueel of gezamenlijk, geen materieel nadelig effect zullen hebben op onze geconsolideerde balans, bedrijfsresultaten of liquiditeit.
FIN-4.30 Verbintenissen
FIN-4.30.1 Investeringsverbintenissen
De Groep heeft zich contractueel verplicht tot investeringsuitgaven met betrekking tot de aankoop van materiële vaste activa per 31 december 2025 van 40,6 miljoen € (2024: 42,9 miljoen €).
FIN-4.30.2 Bankwaarborgen
Zoals aangegeven in toelichting FIN-4.17, zijn geen activa in pand gegeven als zekerheid voor deze leningen. Het gehele bedrag van de bankleningen van de Groep en de toe te rekenen interestlasten zijn gewaarborgd door collectieve onderpandovereenkomsten. De Groep heeft bankwaarborgen gesteld ten belope van 26,2 miljoen € op 31 december 2025 om deel te kunnen nemen aan openbare aanbestedingen (2024: 28,8 miljoen €).
Voor Ontex Mexico Operations S.A. de C.V. is er een door BBVA uitgegeven bankgarantie van 100,0 miljoen MXN ten voordele van de Mexicaanse BTW autoriteiten per 31 december 2025.
Voor Ontex Group NV is er in het kader van een rechtszaak een bankgarantie uitgegeven door Commerzbank voor 5,2 miljoen € per 31 december 2025.
Voor Ontex Manufacturing Pty Ltd BV is er een door Commonwealth Bank Australia uitgegeven bankgarantie van 1,2 miljoen AUD gelinkt aan een lokale leaseovereenkomst, per 31 december 2025.
FIN-4.31 Transacties met verbonden partijen
Als onderdeel van onze activiteiten heeft Ontex verschillende transacties aangegaan met verbonden partijen.
FIN-4.31.1 Geconsolideerde vennootschappen
Een lijst van de dochterondernemingen is te vinden in toelichting FIN-4.7 .
FIN-4.31.2 Relaties met de aandeelhouders
Er zijn geen transacties met de aandeelhouders per 31 december 2025 (noch in 2024).
FIN-4.31.3 Relaties met niet-uitvoerende leden van de Raad van Bestuur
| Vergoedingen van de Raad van Bestuur | Boekjaar | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen€ | 2025 | 2024 | |
| Vergoedingen | 1,2 | 1,1 |
Het Remuneratiebeleid (2025 versie) introduceerde een RSU plan waarbij de niet-uitvoerende leden van de Raad van Bestuur, onder meer, een vaste jaarlijkse toekenning van RSUs zijn toegekend, met effect vanaf 1 januari 2025. Als deel van dit plan, heeft de Raad van Bestuur een totaal van 62.382 RSU's toegekend gekregen.
FIN-4.31.4 Relaties met de managers op sleutelposities
De managers die sleutelposities innemen binnen de Groep zijn die personen die bevoegd en verantwoordelijk zijn voor het plannen, aansturen en controleren van de activiteiten van de Groep. De managers op sleutelposities binnen de Groep zijn allen lid van het Management Comité.
FIN-4.31.5 Vergoedingen aan management op sleutelposities
| Vergoeding van de CEO | Boekjaar | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Vaste en variabele vergoedingen | 1,3 | 1,7 |
Bovenstaande vergoeding bevat vergoedingen na uitdiensttreding voor 0,2 miljoen € (2024: 0,2 miljoen €), het resterende betreft korte termijn personeelsbeloningen. Naast bovenstaande vergoeding werd aan de CEO geen PSU's toegekend in 2025, noch in 2024. De kost gerelateerd aan op aandelen gebaseerde betaling bedraagt 0,8 miljoen € in 2025 (2024: 0,8 miljoen €), gelinkt aan de PSU's toegekend in 2023.
| Vergoeding van het Executive Team(met uitsluiting van CEO) | Boekjaar | |
|---|---|---|
| in miljoen€ | 2025 | 2024 |
| Vaste vergoedingen | 3,5 | 3,5 |
| Variabele vergoedingen | 0,8 | 1,0 |
| Overige vergoedingen | 0,3 | 0,4 |
| Totaal | 4,5 | 4,8 |
De vaste en variabele vergoedingen zijn korte-termijn-personeelsbeloningen, terwijl de overige vergoedingen voornamelijk betrekking hebben op de vergoedingen na uitdiensttreding. Naast bovenstaande vergoedingen ontving het Executive Team ook geen PSU's in 2025, noch in 2024. De totale gerelateerde LTIP kost (inclusief vorige plannen) bedroeg 1,6 miljoen € in 2025 (2024: 1,7 miljoen €). Voor meer gedetailleerde informatie, zie het Remuneratieverslag.
De Groep heeft Lange Termijn Beloningsplannen ("LTIP") geïmplementeerd die gebaseerd zijn op een combinatie van aandelenopties, voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden en prestatie gebonden voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (zie toelichting FIN-4.28).
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Het aantal aandelenopties, voorwaardelijke toegekende aandelen-eenheden (RSU's) en prestatie gebonden voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (PSU's) die werden toegekend aan de CEO en het Executive Management Team is als volgt:
| Voor het jaar afgesloten op 31 december 2025 | AantalRSU's | AantalPSU's | Aantalopties |
|---|---|---|---|
| LTIP 2020 | |||
| CEO | 19.891 | 19.891 | 88.333 |
| Executive Team (exclusief CEO) | 56.265 | 56.265 | 249.870 |
| LTIP 2021 | |||
| CEO | - | 94.954 | - |
| Executive Team (exclusief CEO) | - | 229.572 | - |
| LTIP 2022 | |||
| CEO | - | 149.891 | - |
| Executive Team (exclusief CEO) | - | 213.070 | - |
| LTIP 2023 | |||
| CEO | - | 1.005.668 | - |
| Executive Team (exclusief CEO) | - | 1.937.281 | - |
FIN-4.32 Gebeurtenissen na balansdatum
Er waren geen belangrijke gebeurtenissen na het einde van de periode.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-4.33 Honoraria verbonden aan de commissaris
| Boekjaar | ||
|---|---|---|
| in duizenden € | 2025 | 2024 |
| Vergoedingen voor audit opdrachten | 1.104,0 | 1.221,0 |
| Additionele diensten in het kader van het audit mandaat: | ||
| Aan de audit opdrachten verbonden vergoedingen | 416,8 | 304,6 |
| Vergoedingen voor belastingadvies& compliance | - | 12,4 |
| Totaal | 1.520,8 | 1.538,0 |
De honoraria in de bovenstaande tabel betreffen de honoraria voor de totale Groep en niet alleen voor de voortgezette activiteiten.
Commissaris Informatie over dit rapport
FIN-5 Samenvatting statutaire enkelvoudige jaarrekening
FIN-5.1 Statutaire balans na winstdeling
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Immateriële vaste activa | 15,4 | 13,6 |
| Materiële vaste activa | 0,1 | 0,2 |
| Financiële vaste activa: | 2.406,0 | 2.746,0 |
| Verbonden ondernemingen | 1.687,1 | 1.687,1 |
| Vorderingen op meer dan één jaar | 718,7 | 1.058,8 |
| Andere financiële vasteactiva | 0,2 | 0,2 |
| Vaste activa | 2.421,5 | 2.759,9 |
| Vorderingen op ten hoogste één jaar | 331,0 | 209,6 |
| Eigen aandelen | 11,5 | 10,6 |
| Liquide middelen | 36,7 | 28,8 |
| Overlopende rekeningen | 16,3 | 26,3 |
| Vlottende activa | 395,5 | 275,2 |
| Activa | 2.817,0 | 3.035,1 |
| 31 december | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Kapitaal | 823,6 | 823,6 |
| Uitgiftepremies | 412,7 | 412,7 |
| Reserves | 270,2 | 269,1 |
| Overgedragen winst/(verlies) | 174,3 | 171,8 |
| Eigen vermogen | 1.680,9 | 1.677,2 |
| Schulden op meer dan één jaar: | 400,0 | 580,0 |
| Financiële schulden | 400,0 | 580,0 |
| Schulden op ten hoogste één jaar: | 723,8 | 760,5 |
| Financiële schulden | 274,5 | 209,2 |
| Handelsschulden | 4,9 | 18,6 |
| Schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen ensociale lasten | 1,4 | 4,3 |
| Overige schulden | 443,0 | 528,4 |
| Overlopende rekeningen | 10,0 | 9,5 |
| Schulden | 1.133,8 | 1.349,9 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 2,4 | 8,0 |
| Passiva | 2.817,0 | 3.035,1 |
FIN-5.2 Statutaire resultatenrekening
| Boekjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Bedrijfsopbrengsten | 75,2 | 56,6 | |
| Bedrijfskosten | (48,5) | (42,9) | |
| Bedrijfswinst / (verlies) | 26,7 | 13,7 | |
| Financieel resultaat | (21,9) | 3,9 | |
| Winst/(Verlies) voor de periode vóór belastingen | 4,8 | 17,6 | |
| Belastingen op het resultaat | (1,2) | (2,1) | |
| Winst/(Verlies) voor de periode | 3,7 | 15,5 |
FIN-5.3 Uittreksel uit de enkelvoudige (nietgeconsolideerde) jaarrekening van Ontex Groep NV, opgesteld volgens Belgische boekhoudnormen
De voorgaande informatie werd gehaald uit de enkelvoudige jaarrekening volgens Belgische boekhoudnormen van Ontex Groep NV en wordt opgenomen zoals vereist door artikel 3:17 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. De volledige enkelvoudige jaarrekening zal samen met het jaarrapport van de Raad van Bestuur en met het verslag van de commissaris aan de Algemene Vergadering en aan de Nationale Bank van België worden overgemaakt binnen de wettelijke termijn. Deze documenten zijn ook op aanvraag beschikbaar bij Ontex Group NV, Korte Keppestraat 21, 9320 Erembodegem (Aalst).
Het statutaire verslag van de commissaris is 'zonder voorbehoud' en bevestigt dat de enkelvoudige jaarrekening van Ontex Groep NV die is opgesteld volgens de Belgische boekhoudnormen voor het jaar eindigend op 31 december 2025 een getrouw beeld geeft van de financiële positie en de resultaten van Ontex Groep NV in overeenstemming met de wettelijke en regelgevende verordeningen in België.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Duurzaamheidsverklaringen
Voor het boekjaar eindigend op 31 december 2025
Inhoud
| SUS-1 | Waarde creëren door duurzaamheid166 |
|---|---|
| SUS-2 | Algemene informatie167 |
| SUS-2.1 | Grondslag voor het opstellen van informatie167 |
| SUS-2.2 | Deugdelijk bestuur170 |
| SUS-2.3 | Strategie174 |
| SUS-2.4 | Materiële impacts, risico's en kansen, en de wisselwerking daarvan met strategie enbusiness-model178 |
| SUS-2.5 | Doelen en effectiviteit van doelen182 |
| SUS-2.6 | Beleid aangenomen voor het managen van materiële duurzaamheidsthema's182 |
| SUS-2.7 | Overzicht van rapportage-eisen belicht in de duurzaamheidsverklaringen184 |
| SUS-2.8 | Rapportage-eisen die voortkomen uit andere EU-wetgeving187 |
| SUS-3 | Milieu-informatie191 |
| SUS-3.1 | ESRS E1: Klimaatverandering191 | |
|---|---|---|
| SUS-3.2 | ESRS E5: Materiaalgebruik en circulaire economie204 | |
| SUS-3.3 | Rapportages overeenkomstig artikel 8 van Verordening 2020/852(Taxonomieverordening)210 | |
| SUS-4 | Sociale informatie219 | |
| SUS-4.1 | ESRS S1: Eigen personeel219 | |
| SUS-4.2 | ESRS S2: Werknemers in de waardeketen237 | |
| SUS-4.3 | ESRS S4: Consumenten en eindgebruikers247 | |
| SUS-5 | Informatie inzake deugdelijk bestuur256 | |
| SUS-5.1 | ESRS G1: Deugdelijk bestuur en zakelijk gedrag256 | |
Commissaris Informatie over dit rapport
SUS-1 Waarde creëren door duurzaamheid
Ontex verbindt zich ertoe een duurzame en maatschappelijk verantwoorde onderneming op te bouwen die haar klanten ook in de toekomst van dienst kan zijn en tegelijkertijd haar positieve impact op de wereld kan versterken. 'Here for you. Here for the better' betekent dat we duidelijke doelstellingen vastleggen voor zowel de nabije als de verre toekomst. Het betekent dat we de nieuwste innovaties gebruiken die de onderneming helpen haar impact op het milieu te verminderen. Het betekent dat we progressieve verbintenissen aangaan ten opzichte van onze mensen, zodat wij hun veiligheid op het werk kunnen blijven garanderen en zij het beste van zichzelf kunnen geven. En het betekent dat we een katalysator zijn om iets beters te bereiken in de gemeenschappen waarin Ontex actief is en in de rest van de wereld.
| G | ||
|---|---|---|
| MILIEUBETER VOOR DE PLANET | SOCIAALBETER VOOR MENSEN | GOVERNANCEBETER VOOR BUSINESS |
| AANPAK | AANPAK | AANPAK |
| Duurzaamheid op een goede en schaalbare manierintegreren in elk product. | Investeren in mensen – in de breedste zin. | Vasthouden aan sterke ethische normen en transparantiein de waardeketen. |
| PRIORITEITEN | PRIORITEITEN | PRIORITEITEN |
| • Verantwoord beheer van bossen en vezels• Werken naar netto-nul emissies• Verminderen van de koolstofintensiteit van producten· Verwijderen van fossiel-gebaseerde plastics uit productenen verpakkingen· Samenwerken voor circulariteit | • Verbetering van consumentveiligheid• Een zorgzame werkgever zijn• Levensstandaarden in de waardeketen verhogen | • Zakelijke ethiek naleven• Transparantie waarborgen |
| MEER LEZEN | MEER LEZEN | MEER LEZEN |
| EU-taxonomieESRS E1: KlimaatveranderingESRS E5: Grondstoffengebruik en circulaire economie | ESRS S1: Eigen personeelESRS S2: Werknemers in de waardeketenESRS S4: Consumenten en eindgebruikers | ESRS G1: Zakelijk gedrag |
Op de volgende pagina's presenteert Ontex haar milieu-, sociale en deugdelijkbestuursverklaringen, die elk een belangrijke dimensie van haar duurzaamheidsbenadering belichten.
.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
SUS-2 Algemene informatie
SUS-2.1 Grondslag voor het opstellen van informatie
SUS-2.1.1 Algemene grondslag voor het opstellen van duurzaamheidsverklaringen
Deze duurzaamheidsverklaringen zijn opgesteld volgens de European Sustainability Reporting Standards (ESRS) op geconsolideerde basis, waarbij de perimeter bestaat uit Ontex Group NV en haar dochterondernemingen. De consolidatieperimeter stemt overeen met de geconsolideerde financiële staten. Informatie over de Braziliaanse en Turkse activiteiten voor 2025 wordt, tenzij anders vermeld, niet opgenomen, aangezien Ontex geen toegang meer heeft tot duurzaamheidsinformatie na de desinvesteringen in respectievelijk het eerste en het vierde kwartaal van 2025.
Het verslag omvat de volledige waardeketen van de geconsolideerde groep, met uitzondering van de bovenvermelde uitzonderingen, en verschaft waar van toepassing informatie over upstream- en downstreamactiviteiten in overeenstemming met ESRS 1. Bij de dubbele materialiteitsanalyse van impacts, risico's en kansen werd de waardeketen als volgt bekeken:
- de upstream-waardeketen omvat directe Tier 1-leveranciers; en indirect engagement voor de rest van de upstream-waardeketen
- de downstreamwaardeketen is beperkt tot directe klanten, tenzij er een materiële impact, risico of kans is geïdentificeerd die verder gaat dan directe klanten (zoals consumentenveiligheid). Via indirecte betrokkenheid hebben we onderwerpen behandeld voor de rest van de downstream waardeketen.
In welke mate de beleidslijnen, maatregelen, doelen en maatstaven van Ontex zich uitstrekken tot haar waardeketen, wordt beschreven in de hoofdstukken over de thematische standaarden.
De inhoud van de duurzaamheidsverklaring is onderworpen aan een beperkt auditverslag in overeenstemming met ISAE 3000 (Revised). Het verslag van de onafhankelijke auditeur over een beperkte auditopdracht is te vinden in deel AUD-2. Geen externe instantie buiten de assurantieverstrekker heeft de maatstaven gevalideerd.
SUS-2.1.2 Rapportage over specifieke omstandigheden
Tijdshorizonten
Tijdshorizonten worden in overeenstemming met de Europese standaarden voor duurzaamheidsrapportage 1 (ESRS 1) als volgt gedefinieerd: korte termijn (één jaar of minder), middellange termijn (één tot vijf jaar) en lange termijn (meer dan vijf jaar).
Schattingen van de waardeketen
Bij het berekenen van broeikasgasuitstoot (BKG) voor leveranciers en klanten werden voornamelijk indirecte bronnen gebruikt, zoals de gemiddelde uitstootfactoren van de sector. Merk op dat Scope 3-maatstaven onderhevig zijn aan een hoge mate van meetonzekerheid. Zie deel SUS-3.1.5 voor meer informatie.
Onzekerheid van gepresenteerde informatie
Als er schattingen zijn gebruikt of als in de verklaring gewezen wordt op de onzekerheid van bepaalde resultaten in verband met de maatstaven, wordt dit samen met de respectieve maatstaven in elk thematisch hoofdstuk vermeld.
Ontex werkt voortdurend aan het verfijnen van zijn methodologie om de overstap te maken van schattingen naar werkelijke gegevens. Daardoor kan de informatie die wordt gerapporteerd onder de delen SUS-3.1 en SUS-3.2 niet vergelijkbaar zijn met de informatie die in eerdere verslagperioden werd gerapporteerd.
Gebeurtenissen na het einde van de verslagperiode
De relevante gebeurtenissen na het einde van de verslagperiode zijn terug te vinden in toelichting FIN-4.32.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Wijzigingen in de opstelling of presentatie van duurzaamheidsinformatie
Voor de verslagperiode 2025 behield Ontex de structuur van het Jaarverslag 2024, dat werd opgesteld in overeenstemming met de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD).
Na de desinvesteringen van de Braziliaanse en Turkse activiteiten in respectievelijk het eerste en het vierde kwartaal van 2025, had Ontex geen toegang meer tot duurzaamheidsinformatie voor deze entiteiten na hun desinvesteringsdatum. Hierdoor werden deze entiteiten uitgesloten van de duurzaamheidsindicatoren voor 2025, behalve voor een beperkt aantal KPI's waarvoor informatie beschikbaar was tot aan de desinvesteringen en waarvan de bijdrage materieel blijft. In dergelijke gevallen worden de cijfers van 2025 inclusief deze entiteiten vermeld in de desbetreffende thematische hoofdstukken om de transparantie te waarborgen.
Om de consistentie en vergelijkbaarheid tussen verslagperioden te vergroten, werden de volgende aanpassingen doorgevoerd in de voorbereiding van de duurzaamheidsverklaringen:
- Herformulering van de waarde van het referentiejaar (2020) en de vergelijkende informatie voor de broeikasgasuitstoot-indicatoren, zoals weergegeven in deel SUS-3.1.5.
- Herformulering van de vergelijkende informatie voor de energie- en afvalindicatoren, zoals weergegeven in delen SUS-3.1.6 en SUS-3.2.6.
- Herformulering van de waarde van het referentiejaar (2020) voor de indicator van de ongevallenfrequentiegraad en de vergelijkende informatie voor de gezondheids- en veiligheidsindicatoren, zoals weergegeven in deel SUS-4.1.7.
De herformuleringen van de referentiewaarden en vergelijkende informatie zijn een gevolg van de afronding van Ontex' strategische heroriëntatie op retailer- en zorgmerken in Europa en Noord-Amerika. Wanneer vergelijkende informatie werd herwerkt, vermelden voetnoten de waarden die in het voorgaande jaar voor de belangrijkste indicatoren werden gerapporteerd, om volledigheid te verzekeren in lijn met de ESRS-vereisten.
Daarnaast worden consumentenklachten voortaan enkel gerapporteerd als jaar-op-jaar procentuele wijzigingen, zoals weergegeven in deel SUS-4.3.7, terwijl in het vorige jaar zowel absolute waarden als de jaar-op-jaar procentuele wijziging werden opgenomen.
Presentatie van vergelijkende informatie
Waar indicatoren eerder werden gerapporteerd, wordt vergelijkende informatie weergegeven. Alle vergelijkende indicatoren voor 2024 waren onderworpen aan een opdracht van beperkte mate van zekerheid door de statutaire auditor van Ontex, gedateerd 17 maart 2025. Alle andere vergelijkende informatie werd niet onderworpen aan procedures voor redelijke of beperkte mate van zekerheid. Voor de rapportageperiode 2025 zijn geen nieuwe indicatoren toegevoegd in vergelijking met 2024.
Rapportagefout in voorgaande periode
Er werden in de huidige rapportageperiode geen materiële fouten uit het voorgaande verslagjaar vastgesteld.
Informatie over intellectueel eigendom
Er is geen informatie over intellectueel eigendom, knowhow of resultaten van innovatie weggelaten in de duurzaamheidsverklaringen.
Informatie over kwesties waarover wordt onderhandeld
Er is geen informatie over ophanden zijnde ontwikkelingen of kwesties waarover wordt onderhandeld weggelaten in de duurzaamheidsverklaringen.
Infaseringsbepalingen
In deze duurzaamheidsverklaringen maakt Ontex gebruik van de mogelijkheid om informatie weg te laten voor ESRS 2 SBM-3 § 48(e), ESRS E1-9, E5-6, S1-14 (niet-werknemers) in overeenstemming met de Gedelegeerde Verordening (EU) 2025/1416 van de Europese Commissie van 11.7.2025, die Bijlage C van ESRS 1 wijzigt.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Niet-materiële ESRS-standaarden
Ontex heeft alle rapportage-eisen uit de thematische standaarden ESRS 'E2 Verontreiniging', ESRS 'E3 Water en mariene hulpbronnen' en ESRS 'E4 Biodiversiteit & ecosystemen' & ESRS 'S3 Getroffen gemeenschappen' weggelaten omdat deze thema's in haar dubbele materialiteitsanalyse (DMA) als niet-materieel werden beschouwd, zoals beschreven in deel SUS-2.4.1. Ze volgden allemaal dezelfde methodologie en processtappen als voor de thema's die als materieel werden beschouwd, maar vielen onder de drempelwaarde van materialiteit die tijdens het DMA-proces was vastgesteld.
Rapportage voortkomend uit andere wet- en regelgeving of algemeen aanvaarde uitspraken over duurzaamheidsrapportage
Alle datapunten over broeikasgassen (BKG Scope 1-3) worden gerapporteerd op basis van het Green House Gas Protocol.
Opname door middel van verwijzingen
De onderstaande tabel geeft een overzicht van waar informatie kan worden gevonden met betrekking tot ESRS-rapportage die door middel van verwijzingen is opgenomen en buiten de duurzaamheidsverklaring is vermeld in andere delen van dit jaarverslag.
| Rapportage-eis | Datapunten | Deel in het verslag |
|---|---|---|
| GOV-1 | §21a Aantal uitvoerende en niet-uitvoerende leden van de Raad van Bestuur | Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur |
| GOV-1 | §21d, §23a-b Diversiteit van de Raad van Bestuur | Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur |
| GOV-1 | §21e Percentage onafhankelijke leden van de Raad van Bestuur | Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur |
| GOV-5 | §36a-e Informatie over risicobeheer en controles | Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur |
| GOV-3 / E1.GOV-3 | §27, §29a-e, §13 Informatie over aan duurzaamheid gekoppelde beloning | GOV-9Remuneratieverslag |
| S1-16 | §97b De jaarlijkse totale beloningsverhouding (de CEO-beloningsverhouding) | GOV-9Remuneratieverslag |
| SBM-1 | §42, §42a-b Businessmodel en waardeketen | Strategisch verslag |
| SBM-1 | §40a i-ii, 40e-g Bedrijfsstrategie en verband tussen producten/diensten gelinkt aan duurzaamheidstopics | Strategisch verslag |
Toekomstgerichte informatie
Bij het rapporteren van toekomstgerichte informatie in overeenstemming met de ESRS, is de directie van de onderneming verplicht om de toekomstgerichte informatie op te stellen op basis van gerapporteerde aannames over gebeurtenissen die zich in de toekomst kunnen voordoen en mogelijke toekomstige maatregelen van de onderneming. De daadwerkelijke uitkomst zal wellicht verschillen omdat beoogde gebeurtenissen zich vaak niet voordoen zoals verwacht. Prospectieve informatie heeft betrekking op gebeurtenissen en maatregelen die nog niet hebben plaatsgevonden en mogelijk nooit zullen plaatsvinden.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
SUS-2.2 Deugdelijk bestuur
SUS-2.2.1 Deugdelijk bestuur inzake ESG
Duurzaamheid is al lang en op alle niveaus verankerd in de functies en activiteiten van Ontex.
De duurzaamheidsstrategie 2030 van de onderneming is het resultaat van de dubbele materialiteitsanalyse en de daaraan gekoppelde impacts, risico's & kansen en legt haar ambities en verplichtingen vast. Zo wordt een gezamenlijke agenda gevormd die alle bedrijfseenheden op één lijn brengt richting 2030. De strategie biedt een duidelijk richtpunt en roadmap voor de hele organisatie, terwijl elke eenheid haar eigen doelen en doelstellingen kan bepalen ter ondersteuning van deze strategie. Deze benadering maakt lokaal aangepaste en relevante invoering mogelijk. De strategie wordt in de hele Groep toegepast en geïntegreerd in alle afdelingen.
Samenstelling en diversiteit van de leden van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen
De onderneming verwijst naar deel GOV-2 voor de rapportage over de samenstelling en diversiteit van de leden van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van de onderneming. Naast deze rapportage merkt de onderneming op dat, in overeenstemming met de Belgische wetgeving, werknemers niet vertegenwoordigd zijn in de Raad van Bestuur of het Uitvoerend Comité van de onderneming. Veel dochterondernemingen van de Groep hebben echter ondernemingsraden, die over bepaalde zaken worden geraadpleegd in overeenstemming met de geldende wetgeving.
De Raad van Bestuur beschikt over passende expertise met betrekking tot duurzaamheidsaangelegenheden, aangezien zij periodieke updates ontvangt van mevrouw Annick De Poorter, lid van het Uitvoerend Comité van de Vennootschap en verantwoordelijk voor duurzaamheidsmateries. Daarnaast ondersteunt een gespecialiseerd duurzaamheidsteam de inspanningen van de Vennootschap door het aanreiken van inhoudelijke expertise, en heeft de Vennootschap toegang tot opleidingen en de deskundigheid van gespecialiseerde, externe consultants. Ten slotte wordt expertise in
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
duurzaamheidsaangelegenheden beschouwd als een relevante factor bij de identificatie van potentiële nieuwe leden van de Raad van Bestuur.
Toezicht op deugdelijk bestuur en strategische afstemming
Zoals de bovenstaande afbeelding laat zien, past Ontex specifieke controles en procedures toe om duurzaamheidsimpacts, -risico's of -kansen te beheren via een gestructureerd deugdelijkbestuurskader. Deze controles garanderen dat duurzaamheid is verankerd in de besluitvorming van de onderneming en geïntegreerd in de belangrijkste interne functies.
De Raad van Bestuur is eindverantwoordelijke voor de duurzaamheidsverbintenissen en het risicobeheer van de onderneming. Krachtens het Corporate Governance Charter van de onderneming is het Audit- en Risicocomité belast met het toezicht op de ESG-initiatieven van de onderneming. Dit houdt onder meer in (i) de besluitvorming van de Raad van Bestuur met betrekking tot ESG-thema's beoordelen, evalueren en voorbereiden, (ii) monitoren van en toezicht houden op het proces voor de opstelling van ESG-informatie en zoeken naar manieren om ESG-informatie te integreren in de rapportagecyclus, en (iii) meten en monitoren van de prestaties van de onderneming op het gebied van ESG-thema's en hun impact op de samenleving om rekening te houden met het multidimensionale karakter van maatschappelijk verantwoord ondernemen. In dit kader heeft het Audit- en Risicocomité toezicht gehouden op de dubbele materialiteitsanalyse van de onderneming en die gevalideerd, alvorens die werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Het Audit- en Risicocomité ontvangt ook elk kwartaal updates over de ESG-initiatieven van de onderneming van het Duurzaamheidsteam van de groep.
De ESG-raad, die bestaat uit de leden van het Uitvoerend Comité, heeft als taak om de duurzaamheidsstrategie en de kritieke maatstaven (KPI's) vast te leggen en deze af te stemmen op de bredere bedrijfsstrategie. Deze KPI's worden, afhankelijk van hun aard, gevalideerd door het Audit- en Risicocomité of het Remuneratie- en Benoemingscomité. Het Audit- en Risicocomité houdt toezicht op de prestaties van de onderneming op het gebied van duurzaamheids-KPI's.
Operationele invoering en risicobeheer
Het Duurzaamheidsteam van de groep definieert en implementeert de duurzaamheidsstrategie, volgt de voortgang op en rapporteert elk kwartaal aan de bestuursorganen. Op die manier worden duurzaamheidsrisico's en -kansen altijd proactief beheerd. Het team werkt functie-overschrijdend en integreert duurzaamheid in alle bedrijfsactiviteiten door samen te werken met de afdelingen financiën, inkoop, R&D en andere belangrijke afdelingen.
Het hoofd van het Duurzaamheidsteam van de groep rapporteert rechtstreeks aan mevrouw Annick De Poorter, die lid is van het Uitvoerend Comité dat verantwoordelijk is voor de ESGinitiatieven van de onderneming.
Stuurgroep Klimaat
De Stuurgroep Klimaat reikt een specifiek controlemechanisme aan voor klimaatrisico's en kansen, gericht op Scope 1-, 2- en 3- uitstoot. Ze houdt toezicht op de prestaties, identificeert uitdagingen en keurt roadmaps goed om risico's te beperken en kansen te benutten.
Bedrijfsintegratie en verantwoordelijkheid
Duurzaamheid is geen eilandje, maar strekt zich uit over de hele organisatie door in verschillende bedrijfsfuncties specifieke rollen toe te wijzen. Deze rollen zorgen ervoor dat duurzaamheidsdoelstellingen effectief worden geïmplementeerd en dat operationele beslissingen aansluiten bij de ESG-doelstellingen op lange termijn. De ESGprestatiedoelstellingen maken integraal deel uit van het incentiveplan op korte termijn van Ontex. Meer informatie over de incentiveplannen van de onderneming is terug te vinden in deel GOV-9.3.2.
Ontex hanteert een gestructureerd deugdelijk-bestuursproces om doelen met betrekking tot materiële impacts, risico's en kansen vast te leggen en te monitoren, zodat ze afgestemd zijn op de strategische prioriteiten van de onderneming en de verwachtingen van de regelgevende instanties.
Doelen stellen op basis van materialiteit
In het kader van haar dubbele materialiteitsanalyse heeft de onderneming de belangrijkste ESG-gerelateerde impacts, risico's en kansen in haar activiteiten en waardeketen in kaart gebracht.
Op basis van deze resultaten heeft de afdeling Duurzaamheid, in overleg met interne belanghebbenden in de belangrijkste bedrijfsfuncties (bv. inkoop, personeelsbeleid, compliance, activiteiten, innovatie, financiën), relevante en meetbare doelen vastgelegd. De ESG-raad heeft de voorgestelde doelen beoordeeld en gevalideerd om er zeker van te zijn dat deze aansluiten bij de strategische doelstellingen van Ontex en ook operationeel haalbaar zijn.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Na goedkeuring door de ESG-raad werden de doelen voorgelegd aan het Audit- & Risicocomité of het Remuneratie- en Benoemingscomité (voor sociale KPI's). Deze comités hebben gecontroleerd of de doelen in overeenstemming zijn met de kaders voor risicobeheer en financiële implicaties. De laatste stap in het deugdelijk-bestuursproces was de goedkeuring door de Raad van Bestuur, om ervoor te zorgen dat de duurzaamheidsverbintenissen verankerd zijn in de algehele strategie van de onderneming. De voortgang ten opzichte van deze doelen wordt elk kwartaal gemeten aan de hand van gestructureerde rapportagemechanismen. De ESR-raad, het Audit- & Risicocomité en Raad van Bestuur krijgen regelmatig updates.
Door de dubbele materialiteitsanalyse te koppelen aan een gestructureerde workflow voor het stellen en goedkeuren van doelen, zijn de duurzaamheidsdoelstellingen van Ontex niet alleen hoge ambities, maar ook meetbare en controleerbare verbintenissen.
SUS-2.2.2 Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen
Het Uitvoerend Comité houdt toezicht op de uitvoering van het remuneratiebeleid. Zie deel GOV-9.3.2 voor de belangrijkste elementen van het remuneratiebeleid, de integratie van duurzaamheidsprestaties, het aandeel variabele beloning dat afhankelijk is van duurzaamheidsdoelen en uitbetalingen voor prestaties ten opzichte van de STI-doelstellingen 2025.
SUS-2.2.3 Due-diligence-verklaring
De volgende tabel brengt in kaart hoe Ontex kernelementen van due diligence voor duurzaamheidsthema's toepast en presenteert in deze duurzaamheidsverklaring.
| Kernelementen van due diligence | Verwijzing in het jaarverslag | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Due diligenceintegreren in deugdelijk bestuur, | •SUS-1Waarde creëren door duurzaamheid | |||||
| strategie en businessmodel | •SUS-2.2 | Deugdelijk bestuur | ||||
| •GOV-2 | De Raad en het Uitvoerend Comité | |||||
| • | Strategisch verslag Onze weg uitstippelen | |||||
| Getroffen belanghebbenden betrekken bij alle | •SUS-2.3.2 | Belangen en opvattingen van belanghebbenden | ||||
| belangrijke stappen van de due diligence | •SUS-2.4.2 | Proces om materiële impacts, risico's en kansen in kaart te brengen en te analyseren | ||||
| •SUS-2.6.3 | Integratie en functie-overschrijdende samenwerking | |||||
| •SUS-4.2.1 | Belangen en opvattingen van belanghebbendenS2 | |||||
| •SUS-4.3.1 | Belangen en opvattingen van belanghebbendenS4 | |||||
| Identificeren en beoordelen van nadelige | •SUS-2.4.2 | Proces om materiële impacts, risico's en kansen in kaart te brengen en te analyseren | ||||
| impacts | •SUS-4.2.5 | Processen om negatieve impacts te herstellen en kanalen voor werknemers in de waardeketen om problemen te melden | ||||
| Maatregelen nemen om negatieve impacts | •SUS-2.4.2 | Proces om materiële impacts, risico's en kansen in kaart te brengen en te analyseren | ||||
| aan te pakken | •SUS-4.2.5 | Processen om negatieve impacts te herstellen en kanalen voor werknemers in de waardeketen om problemen te meldenE1 | ||||
| •SUS-3.2.1 | Impact-, risico-en kansenmanagementE5 | |||||
| •SUS-4.1.2 | Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met de strategie en het businessmodel van OntexS1 | |||||
| •SUS-4.2.2 | Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met de strategie en het businessmodel van OntexS2 | |||||
| •SUS-4.3.2 | Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met de strategie en het businessmodel van OntexS4 | |||||
| Monitoren van de effectiviteit van deze | •SUS-3.1.5 | Maatstaven en doelenE1 | ||||
| inspanningen en daarover communiceren | •SUS-3.2.4 | Maatstaven en doelenE5 | ||||
| •SUS-4.1.7 | Maatstaven en doelenS1 | |||||
| •SUS-4.2.7 | Maatstaven en doelenS2 | |||||
| •SUS-4.3.7 | Maatstaven en doelenS4 |
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
SUS-2.2.4 Risicobeheer en interne controles voor duurzaamheidsrapportage
Voor een gedetailleerd overzicht van het kader voor risicobeheer en de interne controles van de onderneming met betrekking tot duurzaamheidsrapportage, inclusief hoe we duurzaamheidsrisico's in kaart brengen, analyseren en mitigeren, verwijzen we naar het deel GOV-8. Dit deel beschrijft de structuren, processen en controles inzake deugdelijk bestuur die werden ingevoerd om de nauwkeurigheid, betrouwbaarheid en compliance van onze duurzaamheidsrapportage te garanderen.
SUS-2.3 Strategie
SUS-2.3.1 Strategie, businessmodel en waardeketen
De belangrijkste strategische elementen inzake duurzaamheid, businessmodel en waardeketen staan beschreven in de delen:
- SUS-1 Waarde creëren door duurzaamheid;
- SUS-4.2.2 Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met de strategie en het businessmodel van Ontex;
- Strategisch verslag Onze weg uitstippelen;
- • FIN-4.6 Operationele segmenten.
SUS-2.3.2 Belangen en opvattingen van belanghebbenden
Ontex gaat via verschillende kanalen en acties een actieve dialoog aan met de belanghebbenden in alle bedrijfsactiviteiten. De manier waarop belanghebbenden betrokken worden, varieert naargelang het thema en de relevantie van de belanghebbenden. Tot de vaste contactpersonen behoren klanten, werknemers, leveranciers en partners, aandeelhouders en andere beleggers, financiële en ESG-analisten, ratingbureaus, overheidsinstanties, media, organisaties uit het maatschappelijke middenveld en onderwijs- en onderzoeksinstellingen. In de onderstaande tabel vindt u een overzicht van de manier waarop Ontex haar belangrijkste belanghebbenden betrekt. Een dubbele-materialiteitsoefening vraagt stakeholders om de belangrijkste duurzaamheidsthema's te identificeren die door de onderneming moeten worden aangepakt.. Gedetailleerde informatie vindt u in deel SUS-2.4.1.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Groep belanghebbenden | Methodes | Key topics | Responses |
|---|---|---|---|
| Klanten | •Monitoring van productverkoop | •Productkwaliteit/veiligheid | •Duurzame vervaardiging/productie garanderen |
| •Contact via verkoopteam | •Productsamenstelling | •Meer producten met een ecolabel aanbieden | |
| •Regelmatige klantenbezoeken | •Koolstofvoetafdruk | •Veilige en gezonde arbeidsomstandigheden | |
| •Gezamenlijke bedrijfsplanning | •Slimme, innovatieve oplossingen | garanderen | |
| •Enquêtes en onderzoek | •Ecolabels | •Een verantwoorde en gedocumenteerde inkoop | |
| •Inkoop | garanderen | ||
| •Innovatie | •Duurzame innovatie garanderen | ||
| •Arbeidsomstandigheden | •Ethische activiteiten garanderen | ||
| •Mensenrechten | •Institutionele klanten opleiden | ||
| •Inzichten van consumenten | |||
| •Plastic voor eenmalig gebruik | |||
| •Evoluerende regelgeving | |||
| Consumenten | •Consumentenpanels en focusgroepen | •Productkwaliteit en -veiligheid | •De gezondheid en veiligheid van consumenten |
| •Sociale-medianetwerken | •Milieu-impact van producten | waarborgen | |
| •Monitoring van productverkoop | •Productlabels | •De milieu-impact van producten verminderen | |
| •Enquêtes en onderzoek | •Innovatie | •Meer producten met een ecolabel aanbieden | |
| •Service | •Duurzame innovatie garanderen | ||
| •Producten aanpassen aan lokale behoeften | |||
| Werknemers | •Aanwerving | •Gezondheid & Veiligheid | •Veilige en gezonde arbeidsomstandigheden |
| •Beoordelingen persoonlijke ontwikkeling | •Arbeidsomstandigheden & beloning | garanderen | |
| •Enquêtes | •Gelijke kansen | •Bedrijfsethiek garanderen | |
| •Vergaderingen van | •Bedrijfsethiek | •Diversiteit en gelijke kansen ondersteunen | |
| vakbonden/werknemersvertegenwoordigers | •Leiderschap | •Opleidings-en scholingsmogelijkheden aanreiken | |
| •Interne en externe audits | •Persoonlijke ontwikkeling | •Interne mobiliteit bevorderen | |
| •Interne communicatie via intranet, | •Ontwikkeling van talent bevorderen | ||
| personeelsupdates, nieuwsbrief•Welzijnsprojecten voor gemeenschappen en | •Een competentiemodel voor leiderschapontwikkelen | ||
| werknemers | •Persoonlijke groeiplannen uitwerken | ||
| •Speak Up-kanaal | •Sociale audits door derden organiseren | ||
| •Sociale media & website |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Groep belanghebbenden | Methodes | Key topics | Responses |
|---|---|---|---|
| Leveranciers | •Bezoeken en vergaderingen | •Inkoop van grondstoffen | •Landbouw-en bosbouwmateriaal inkopen bij |
| •Conferenties met leveranciers | •Bedrijfsethiek/mensenrechten | gecertificeerde leveranciers | |
| •Inkoop | •Beheersystemen | •Leveranciersaudits organiseren | |
| •Monitoring van leveranciers | •Kwaliteit | •De Gedragscode voor leveranciers invoeren | |
| •Innovatie | •Vereisten uiteenzetten en documentatie | ||
| •Veiligheid van materialen | verschaffen over veiligheid en kwaliteit van | ||
| •Evoluerende regelgeving | materialen | ||
| Beleggers | •Voortdurende dialoog | •Deugdelijk bestuur | •Een duidelijk en transparant deugdelijk |
| •Presentaties/vergaderingen | •Bedrijfsethiek | bestuurskader en duurzaamheidsstrategie | |
| •Jaarlijkse Algemene Vergadering | •Risicobeheer | opstellen | |
| •Driemaandelijkse winstverslagen en webcasts | •Milieu/koolstofvoetafdruk | •Bedrijfsethiek garanderen | |
| •PR | •Deelnemen aan ESG-indices voor meertransparantie | ||
| •ESG-indices en informatieverzoeken | •Jaarlijks een geïntegreerd verslag publiceren metESG-gegevens | ||
| Gemeenschappen en | •Voortdurende dialoog | •Mensenrechten | •Betaalbare oplossingen voor persoonlijke hygiëne |
| niet-gouvernementele | •Partnerschappen over vaak voorkomende | •Milieu | aanreiken |
| organisaties | kwesties | •Einde-levensfase afval | •De gezondheid en veiligheid van consumenten |
| •Lidmaatschap van bedrijfs-en sectorverenigingen | •Gezondheid en veiligheid van consumenten | waarborgen | |
| •Liefdadigheidsactiviteiten | •Betrokkenheid van lokale gemeenschappen | •Onderzoek doen | |
| •Informatieverzoeken van academici en studenten• | •Productie van medische gezichtsmaskers om aan | •Kwaliteitsprotocollen/beleidslijnen met betrekkingtot chemicaliën invoeren | |
| Bedrijfswebsite | dringende behoeften te voldoen | •Donaties |
Lidmaatschappen en verenigingen
Ontex werkt samen met sectorverenigingen, duurzaamheidsinitiatieven en netwerken voor klimaatactie. Deze partnerschappen zorgen ervoor dat de maatregelen van de onderneming worden gestuurd door diverse perspectieven en voldoen aan de meest strikte normen inzake ethische en duurzame bedrijfspraktijken.
Lidmaatschappen en verenigingen waarvan Ontex lid is:
- Sectorverenigingen: EDANA, Group'Hygiène, BAHP, Ahpma UK, INDA;
- Duurzame due diligence: FSC, PEFC, GOTS, OCS, SMETA, REDcert2;
- Duurzaamheidsnetwerken: The Shift; en
- Klimaatactie: Belgian Alliance for Climate Action (BACA).
Externe validatie en erkenning
Transparantie vormt de basis van de relaties met de belanghebbenden van Ontex. Externe ESG-scores verlenen onafhankelijke bevestiging van de duurzaamheidsinspanningen van de onderneming, bieden een meetbaar bewijs van haar inzet en helpen de voortgang op belangrijke uitdagingen aan te tonen. Door deze scores te delen, wil Ontex vertrouwen opbouwen, verantwoording afleggen en de verwachtingen van de belanghebbenden inlossen
Belangrijkste prestaties

Vragenlijst over klimaatverandering: Ontex behaalde in 2025 een A en scoort zo in de top van de bedrijven die door het CDP werden geëvalueerd.

ISS ESG-rating: In 2025 ontving Ontex een C+-rating en behaalde het Prime Status in de sector consumentengoederen.

EcoVadis-beoordeling: Ontex werd bekroond met een gouden medaille voor zijn duurzaamheidsresultaten.
| MSCI | AAA | |||
|---|---|---|---|---|
| ESG RATINGS | ||||
| ccc | BB | BBB | AA | AAA |
MSCI ESG-scores: In 2025 ontving Ontex een AAA-rating (op een schaal van AAA tot CCC), waardoor het zijn positie als leider in de sector huishoud- en persoonlijke verzorgingsproducten behield.

ESG-risicoscores van Morningstar Sustainalytics: Ontex behield een ESG-risicoscore van Medium, net als vorig jaar.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
SUS-2.4 Materiële impacts, risico's en kansen, en de wisselwerking daarvan met strategie en business-model
SUS-2.4.1 Dubbele materialiteitsanalyse en resultaten
De materiële impacts, risico's en kansen die Ontex tijdens haar initiële dubbele materialiteitsanalyse heeft geïdentificeerd, worden hieronder opgesomd.
Negatieve impact Positieve impact Financieel risico Financiële opportuniteit
| Thema's | ESRS | Subthema'svan de DMA | Materiëleimpact, risicoof kans | Daadwerkelijk ofpotentieel | Plaats in dewaardeketen | Verwachtetijdshorizon | Reden |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Koolstofuitstoot | E1 | KlimaatmitigatieKlimaatadaptatieEnergie | Daadwerkelijk | Upstream,transportbedrijven, eigenoperaties,downstreamvoorbijklanten | Middellangetermijn, langetermijn | Uit de klimaatrisicobeoordeling van Ontex blijkt dat haar vestigingenblootgesteld zijn aan fysieke risico's zoals hittegolven en overstromingen, diede productie kunnen vertragen. Daarnaast is de veerkracht in detoeleveringsketen van fluffpulpvan cruciaal belang om de inkoopkostentijdens klimaatgerelateerde gebeurtenissen te beperken.De analyse van de impact van de koolstofbeprijzing ondersteunt een 'zo snelmogelijk'-benadering voor het decarbonisatieplan van Ontex. Hoewel deimpact van koolstofbelastingen naar verwachting beperkt zal blijven tot 2030,zou elk uitstel van investeringen in de decarbonisatie van de activiteiten en detoeleveringsketen een negatieve impact hebben op de EBITDA van Ontex. | |
| Duurzameproducten &verpakking | E5 | GrondstofefficiëntieUitstroom vangrondstoffenInstroom vangrondstoffenEindelevensfase afval | Daadwerkelijk | Upstream,eigenactiviteiten,klanten,downstreamvoorbijklanten | Middellangetermijn, langetermijn | Op basis van de Scope3-uitstootberekeningen is de belangrijkste milieuimpact van de Ontex-producten afkomstig van de productie van grondstoffenen de afvalverwerking van gebruikte producten. In 2022 werd bijna 800 tonaan producten geproduceerd, die uiteindelijk door consumenten werdenweggegooid. Naar schatting werd 47% van deze producten verbrand, 43%kwam op stortplaatsen terecht en 10% werd geloosd of in open vuurverbrand. Deze cijfers zijn exclusief menselijk afval. | |
| Verantwoordwerkgeverschap | S1 | Arbeidsgezondheid en -veiligheidArbeidsomstandighedenAndere arbeidgerelateerderechten | Daadwerkelijk | Eigenactiviteiten | Korte termijn | Ontex oefent een aanzienlijke invloed uit op het welzijn van haar werknemersen niet-werknemers. De onderneming leeft de lokale en internationalewetgeving op het gebied van mensenrechten na en heeft goed uitgewerkteprocessen om deze thema's aan te pakken. Hoewel het risico op groteincidenten klein is, kan een dodelijk incident of een ernstigemensenrechtenkwestie een aanzienlijke bedreiging vormen. |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Thema's | ESRS | Subthema'svan de DMA | Materiëleimpact, risicoof kans | Daadwerkelijk ofpotentieel | Plaats in dewaardeketen | Verwachtetijdshorizon | Reden |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Mensenrechten in dewaardeketen | S2 | ArbeidsomstandighedenOverige arbeidgerelateerderechten | Daadwerkelijk | Upstream,transportbedrijven,klanten | Korte termijn,middellangetermijn, langetermijn | Wereldwijde inkoop stelt Ontex bloot aan risico's met betrekking totmensenrechtenschendingen. We pakken deze kwesties proactief aan, wantdat sluit aan bij onze verbintenis om verantwoord zaken te doen en in tespelen op de toenemende verwachtingen van consumenten naartransparantie en verantwoordelijkheid. Door de mensenrechten tebeschermen, kan Ontex haar reputatie versterken, garanderen datregelgeving zoals de Richtlijn inzake passende due diligencein hetbedrijfsleven op het gebied van duurzaamheid (CSDD) wordt nageleefd enkwetsbare personen in de toeleveringsketen beschermen. | |
| Consumentenveiligheid eninformatievooreindgebruikers | S4 | Productveiligheid | Daadwerkelijk | Klanten,downstreamvoorbijklanten | Korte termijn | Gezien de gevoelige aard van producten voor persoonlijke hygiëne hanteertOntex de strengste normen voor productbeheer. De onderneming is vanmening dat consumenten het recht hebben om te weten wat er in deproducten zit die ze gebruiken. Nu de regelgeversaandringen op volledigetransparantie, verbindt Ontex zich ertoe om de consument gedetailleerdeproductinformatie te verschaffen. Zo investeren we onder meer aanzienlijk inonderzoek en veiligheidsmaatregelen en zorgen we ervoor dat productenvoldoen aan de hoogste gezondheids-en hygiënenormen. | |
| Maatschappelijkekwesties | S4 | Toegang totbetaalbareproductenDonaties | Daadwerkelijk | Downstreamvoorbijklanten | n/a | Ontex biedt betaalbare producten voor persoonlijke hygiëne aan en steuntkwetsbare groepen zoals vrouwen en meisjes die te kampen hebben metmenstruatie-armoede en mensen die incontinent zijn. De onderneming zethaar schouders onder maatschappelijke kwesties, zoals de strijd tegenisolement, de ondersteuning van de overgang naar de menopauze en debevordering van de integratie van ouderen in de maatschappij. Dezeuitdagingen aanpakken, zit diep verankerd in de bedrijfswaarden van Ontex. | |
| Zakelijkeethiek ennaleving | G1 | BedrijfsethiekBetalingspraktijken | Daadwerkelijk | Upstream,eigenactiviteiten,klanten | Korte termijn | De activiteiten van Ontex hebben een invloed op klanten, leveranciers,werknemers en partners. Om risico's zoals corruptie, witwaspraktijken ofandere vormen van criminaliteit te beperken, neemt de ondernemingmaatregelen, zoals een verplichte anticorruptie-opleiding voor allewerknemers. Daarnaast worden risico's met betrekking tot wangedrag vanleveranciers aangepakt door een nauwe dialoog aan te gaan en doorduurzaamheidsbeoordelingen te integreren in onze inkoopprocessen. |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Hoewel deze onderwerpen onder de materialiteitsdrempel vallen, heeft Ontex ervoor gekozen om vrijwillig informatie openbaar te maken over "Beheer van productieafval", "Diversiteit, Gelijkheid & Inclusie", en "Training & Educatie" om de transparantie voor ESGratings te vergroten. In het geval van productie-afvalbeheer sluit dit bovendien aan bij de rapportage onder ESRS E5, waarbij gebruik wordt gemaakt van bestaande beschikbare gegevens. Deze onderwerpen zijn gerapporteerd als onderdeel van de respectievelijke sectoragnostische ESRS-delen.
SUS-2.4.2 Proces om materiële impacts, risico's en kansen in kaart te brengen en te analyseren
De manier waarop Ontex materiële impacts, risico's en kansen in kaart brengt en analyseert, is gebaseerd op een uitgebreide dubbele materialiteitsanalyse. Deze methodologie komt overeen met de vereisten van de vereisten van de European Sustainability Reporting Standards (ESRS) zodat zowel de financiële materialiteit als de impact-materialiteit systematisch worden geëvalueerd voor alle activiteiten.
Overzicht dubbele materialiteitsanalyse
We hebben vijf processtappen afgebakend om de DMA uit te voeren.
Stap 1: Voorbereiding
De analyse is begonnen met een definitie van de rollen en verantwoordelijkheden binnen de CSRD- en deugdelijk-bestuursstructuur van Ontex. Er werd een kernteam samengesteld met vertegenwoordigers van duurzaamheid, financiën, compliance, juridische zaken, personeelsbeleid en interne audit. Daarnaast werd de nadruk gelegd op het opbouwen van interne competentie en het afstemmen van het proces op de CSRD-vereisten.
We hebben relevante interne informatie geraadpleegd (zoals eerdere materialiteitsanalyses, interne impactverslagen, benchmarkbeoordelingen, onderzoeken) om de relevante kwesties per ESRS-subthema te bepalen en vooraf te definiëren. Deze uitgebreide lijst van impacts, risico's en kansen was een uitgangspunt om de volgende stappen te beoordelen en analyseren.
Tijdens een workshop met het kernteam hebben de interne experts de vooraf gedefinieerde impacts, risico's en kansen beoordeeld en de formulering en classificatie waar nodig aangepast. Dit heeft geleid tot een selectie van potentiële materiële thema's. Die werd dan gevalideerd door ons Uitvoerend Comité.
Stap 2: Scores door belanghebbenden
Een gevarieerde groep interne en externe belanghebbenden werd gevraagd om een score te geven aan de potentiële materiële thema's van de geselecteerde topics. De belangrijkste criteria voor de selectie van de belanghebbenden waren ESG-kennis en vertegenwoordiging in de hele waardeketen.
Enkele van de belangrijkste groepen van belanghebbenden:
- Medewerkers en leiderschap (Uitvoerend Comité & Raad);
- Leveranciers en einde-levensfase-beheerders;
- Klanten en consumenten;
- Regelgevers en beleggers;
- Sectorverenigingen, ngo's en academici.
Stap 3: Scores voor materialiteit
Om de materiële thema's systematisch te beoordelen, werd een kader toegepast op de impacts, risico's en kansen. Onderstaande beoordelingsmethodologie werd toegepast:
- Voor de beoordeling van impacts zijn schaal, perimeter, waarschijnlijkheid en onomkeerbaar karakter van de impact geëvalueerd;
- Voor de beoordeling van risico's en kansen zijn de omvang van de financiële effecten en de waarschijnlijkheid beoordeeld.
- Het proces omvatte:
- Analyse van input van belanghebbenden via een enquête;
- Beoordeling door experts via interviews op basis van impactschaal, waarschijnlijkheid, onomkeerbaar karakter van de impact en financiële implicaties;
- Drempelbepaling: Onderwerpen die in het bovenste derde deel van de impact- en financiële materialiteitsmatrix scoorden, werden als materieel geclassificeerd. De impacts, risico's en kansen met betrekking tot getroffen gemeenschappen, vervuiling, water en biodiversiteit – zowel binnen de eigen activiteiten als in de waardeketen – vallen onder de materialiteitsdrempel. Deze onderwerpen zullen daarom niet proactief worden beheerd, maar wel worden aangepakt in overeenstemming met de wettelijke vereisten.
Commissaris Informatie over dit rapport
Materialiteitsmatrix
Stap 4: Bekrachtiging van resultaten
De uiteindelijke materialiteitsmatrix werd opgesteld op basis van de geconsolideerde input. Deze weergave hielp om belangrijke duurzaamheidsthema's te prioriteren. In deze stap werden de resultaten beoordeeld en goedgekeurd door het Uitvoerend Comité van Ontex. Eventuele noodzakelijke aanpassingen werden doorgevoerd voor de definitieve goedkeuring. De goedkeuring door het Uitvoerend Comité van Ontex heeft niets veranderd aan het overzicht van materiële thema's. Uiteindelijk werden de resultaten goedgekeurd door de Raad van Bestuur.
Stap 5: Aanpassing duurzaamheidsstrategie Ontex
Op basis van de resultaten van de DMA heeft Ontex haar bestaande duurzaamheidsstrategie herzien om na te gaan of die moest worden aangepast. Via dit proces konden de materiële thema's, in kaart gebracht op basis van stakeholderbetrokkenheid en deskundige analyses, efficiënt geïntegreerd worden in de strategische prioriteiten van de onderneming. Daarom werd de duurzaamheidsstrategie van Ontex in 2024 bijgewerkt en werden de doelen en kritieke maatstaven (KPI's) verfijnd. Dankzij deze afstemming voldoet Ontex nu niet alleen aan de reglementaire verwachtingen in het kader van de CSRD, maar kan de onderneming ook haar veerkracht op lange termijn versterken door duurzaamheidsoverwegingen te verankeren in de strategie en het deugdelijk bestuur van het bedrijf.
Uitgebreid kader voor risicoanalyse
De identificatie van materiële risico's is opgenomen in het ERM-proces (Enterprise Risk Management) van de onderneming. Dit omvat een tweejaarlijkse ERM-analyse om alle materiële risico's van de organisatie te beoordelen, aangevuld met gesprekken met managers tijdens interne audits om nieuwe materiële risico's aan het licht te brengen die mogelijk zijn ontstaan sinds de vorige analyse. We hebben een reeks maatregelen genomen om deze risico's te beheren, waaronder risicoprioritering, voortdurende monitoring, gerichte interne controlebeoordelingen en strikte follow-up. Voor meer informatie, raadpleeg de deel Risicobeheer in dit jaarverslag.
Veranderingen ten opzichte van onze vorige materialiteitsanalyse
In 2023 voerde Ontex zijn eerste dubbele-materialiteitsbeoordeling uit, die de basis vormde van het Jaarverslag 2024 en ook de basis blijft voor het rapportagejaar 2025. Daarvoor werd in 2021 een impact-materialiteitsbeoordeling afgerond.
Het materialiteitsbeoordelingsproces van Ontex is niet gewijzigd ten opzichte van de voorgaande verslagperiode. Ontex heeft alle interne en externe factoren beoordeeld die in 2025 potentieel aanleiding konden geven tot een herziening van de materialiteitsbeoordeling, zoals wijzigingen binnen de Vennootschap, prestaties van sectorgenoten en beleidsontwikkelingen. Er werden echter geen significante factoren vastgesteld. De Vennootschap plant de volgende herziening in 2026, in het licht van het voorstel van de Europese Commissie voor een richtlijn tot wijziging van de CSRD en de herziening van de eerste set ESRS.

Materialiteitsmatrix
SUS-2.5 Doelen en effectiviteit van doelen
Centraal in de duurzaamheidsstrategie van Ontex staat een sterke verbintenis om de belanghebbenden op een zinvolle manier te betrekken. Dit om de doelstellingen van de onderneming af te stemmen op de verwachtingen van diegenen die rechtstreeks of onrechtstreeks getroffen worden door de activiteiten van Ontex. Voor elk materieel duurzaamheidsthema zijn een of meer doelen vastgesteld, die twee belangrijke doelstellingen nastreven:
- Vooruitgang in het duurzaamheidsprogramma stimuleren; en
- Een consistente monitoring en evaluatie mogelijk maken van de vooruitgang die de onderneming boekt ten aanzien van deze doelstellingen.
De vastlegging van de doelen breidde voort op de dubbele materialiteitsanalyse en dezelfde diverse groep belanghebbenden werd erbij betrokken. Op die manier zijn de doelen zowel ambitieus als haalbaar en weerspiegelen ze zowel onze interne prioriteiten als de externe verwachtingen.
In de volgende thematische rapportage worden de details van elk doel toegelicht, waaronder:
- Niveau van het doel: de specifieke resultaten die Ontex wil bereiken;
- Methodologie en aannames: het kader en de principes die zijn gebruikt om de doelen te bepalen;
- Perimeter: de omvang van het doel, inclusief toepasselijke bedrijfsonderdelen, geografische gebieden of activiteiten;
- Referentiejaar (-jaren): de tijdlijn voor de invoering, met inbegrip van het referentiejaar en de streefdatum voor de verwezenlijking; en
- Prestaties: huidige voortgang en status ten opzichte van de beoogde doelen.
Deze gestructureerde en transparante benadering zorgt ervoor dat de belanghebbenden goed op de hoogte zijn van de duurzaamheidsambities van Ontex en bewijst tegelijkertijd dat de onderneming verantwoording neemt voor haar traject op weg naar duurzame groei op lange termijn.
SUS-2.6 Beleid aangenomen voor het managen van materiële duurzaamheidsthema's
SUS-2.6.1 Standaarden en beleidskader
De standaarden en beleidsregels van Ontex vormen de hoeksteen om de duurzaamheidsstrategie van de onderneming om te zetten in uitvoerbare initiatieven en haar langetermijnvisie te realiseren. Veel van deze interne standaarden en beleidsregels zijn gebaseerd op internationale kaders, zodat ze aansluiten bij wereldwijde best practices.
Elk beleid doorloopt een gestandaardiseerd en geautomatiseerd goedkeuringsproces om een degelijk toezicht en verantwoordelijkheid te garanderen. Dit proces omvat afgebakende stappen, in samenspraak met relevante belanghebbenden en hogere managers die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de strategie. Zodra een beleid is goedgekeurd, wordt dit op lokaal niveau ingevoerd, zodat consistentie, transparantie en effectieve uitvoering in alle activiteiten gewaarborgd zijn. Elk beleid beschrijft duidelijk de perimeter en verwijst, waar van toepassing, naar het gebruik van standaarden van derden. Het Uitvoerend Comité is verantwoordelijk voor de goedkeuring van de beleidsregels van Ontex.
Voor elke ESRS wordt een overzicht van de bijbehorende beleidsregels gegeven in deze duurzaamheidsverklaringen.
Op basis van het resultaat van de dubbele materialiteitsanalyse en de bijbehorende aanpassing van de strategie in 2024, werd voor het merendeel van de beleidslijnen, met uitzondering van de Ontex Ethische Gedragscode, een update opgesteld, die officieel werd gepubliceerd in 2025.
SUS-2.6.2 Beheersystemen voor duurzaamheid
Ontex' verbintenis op het vlak van ecologische en sociale verantwoordelijkheid wordt gestuwd door een uitgebreid systeem voor duurzaamheidsbeheer dat duurzaamheid opneemt in alle facetten van de activiteiten via duidelijk omlijnde beleidsregels, procedures en processen. Dit systeem is gebaseerd op internationale normen en kaders die een leidraad vormen voor verantwoorde bedrijfspraktijken.
Het duurzaamheidsbeleid van Ontex beschrijft de kernprincipes van dit systeem en legt de nadruk op compliance, integratie en voortdurende verbetering. Belangrijke standaarden van de International Organization for Standardization (ISO) die dit systeem onderbouwen zijn onder andere:
- ISO 14001: Milieubeheersysteem, van toepassing op 9 productievestigingen (82% dekking), het hoofdkantoor en 2 verkoopkantoren in 2025;
- ISO 50001: Energiebeheersysteem, an toepassing op 7 productievestigingen (64% dekking) en het hoofdkantoor in 2025; en
- ISO 45001: Beheersysteem voor gezondheid en veiligheid op het werk, van toepassing op 2 productievestigingen (18% dekking), het hoofdkantoor en 1 verkoopkantoor in 2025.
Daarnaast bevat het systeem een reeks vrijwillige en verplichte vereisten, zoals:
- SMETA-regeling voor sociale compliance, van toepassing op 9 eigen productievestigingen (82% dekking) in 2025;
- wettelijke en regelgevende normen;
- certificeringen van derden;
- duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de VN (UN SDG's); en
- andere duurzaamheidskaders.
Al die elementen samen versterken de verbintenis van Ontex op het vlak van verantwoord ondernemen.
SUS-2.6.3 Integratie en functie-overschrijdende samenwerking
Om de samenhang en efficiëntie te garanderen, is het systeem voor duurzaamheidsbeheer van Ontex afgestemd op andere cruciale beheersystemen, zoals die voor kwaliteit en informatiebeveiliging. Via deze afstemming, waarop wordt toegezien door een functie-overschrijdend team, kan de onderneming een eenvormig kader hanteren voor haar beheersnormen.
Dit samenhangende systeem wordt op groepsniveau opgezet en wordt doorgetrokken naar de individuele sites, zodat best practices vlotter kunnen worden uitgewisseld en de synergie tussen alle activiteiten van Ontex wordt bevorderd.
De jaarlijkse managementbeoordeling, die zowel in de sites als op groepsniveau wordt uitgevoerd, vormt het hoogtepunt van deze geïntegreerde benadering. Tijdens de beoordeling evalueert de onderneming de prestaties van het afgelopen jaar, behandelt eventuele klachten en identificeert de belangrijkste risico's, kansen en middelen die nodig zijn om verbeteringen door te voeren. Dit proces bevestiging de inzet van Ontex om strikte normen te hanteren en haar inspanningen op het vlak van duurzaamheid voortdurend te verbeteren.
SUS-2.7 Overzicht van rapportage-eisen belicht in de duurzaamheidsverklaringen
De onderstaande tabel geeft een overzicht van alle ESRS-rapportage-eisen in ESRS 2 en de vijf thematische ESRS-standaarden die materieel zijn voor Ontex en als leidraad hebben gediend bij het opstellen van de duurzaamheidsverklaringen van de onderneming. Ze kunnen worden gebruikt om informatie te raadplegen over een specifieke ESRS-rapportage-eis.
| Deel | ESRS-standaard | Verwijzing naar duurzaamheidsverklaringen | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Algemene | Algemene | BP-1 | Algemene grondslag voor het opstellen van de duurzaamheidsverklaring | SUS-2.1 | ||||
| toelichtingen | toelichtingen | BP-2 | Rapportage over specifieke omstandigheden | SUS-2.1.1 | ||||
| (ESRS 2) | GOV-1 | De rol van de bestuurs-, leidinggevende entoezichthoudende organen | GOV-1 | |||||
| GOV-2 | Informatie verschaft aan en omgang met duurzaamheidsthema's door bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudendeorganen van de onderneming | SUS-2.2 | ||||||
| GOV-3 | Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen | SUS-2.2.2 | ||||||
| GOV-4 | Due-diligence-verklaring | SUS-2.2.3 | ||||||
| GOV-5 | Risicobeheer en interne controles voor duurzaamheidsrapportage | SUS-2.2.4 | ||||||
| SBM-1 | Strategie, businessmodel en waardeketen | SUS-4.2 | ||||||
| SBM-2 | Belangen en opvattingen van belanghebbenden | SUS-2.3.2 | ||||||
| SBM-3 | Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel | SUS-2.4 | ||||||
| IRO-1 | Beschrijving van het proces om materiële impacts, risico's en kansen in kaart te brengen en te analyseren | SUS-2.4.2 | ||||||
| IRO-2 | Rapportage-eisen in ESRS opgenomen in de duurzaamheidsverklaring van de onderneming | SUS-2.7 | ||||||
| Milieu | Klimaatverandering(E1) | ESRS 2 GOV-3 | Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen | SUS-2.2.2 | ||||
| rapportage | E1-1 | Transitieplan voor klimaatmitigatie | SUS-3.1.1 | |||||
| ESRS 2 SBM-3 | Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel | SUS-3.1.2 | ||||||
| ESRS 2 IRO-1 | Beschrijving van de processen om materiële klimaatimpacts, -risico's en -kansen in kaart te brengen en te analyseren | SUS-3.1.2 | ||||||
| E1-2 | Beleid ten aanzien van klimaatmitigatie en klimaatadaptatie | SUS-3.1.3 | ||||||
| E1-3 | Maatregelen en middelen wat betreft beleid ten aanzien van klimaatverandering | SUS-3.1.4 | ||||||
| E1-4 | Doelen inzake klimaatmitigatie en klimaatadaptatie | SUS-3.1.5n | ||||||
| E1-5 | Energieverbruik en energiemix | SUS-3.1.6 | ||||||
| E1-6 | Bruto Scope1-, 2-, 3-uitstooten totale broeikasgasuitstoot | SUS-3.1.7 | ||||||
| E1-7 | Broeikasgasverwijderingen en projecten voor broeikasgasmitigatie gefinancierd uit carbon credits | SUS-3.1.8s | ||||||
| E1-8 | Interne koolstofbeprijzing | SUS-3.1.9 | ||||||
| E1-9 | Beoogde financiële effecten van materiële fysieke en transitierisico's en potentiële klimaatkansen | SUS-3.1.10 |
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Deel | ESRS-standaard | Verwijzing naar duurzaamheidsverklaringen | ||
|---|---|---|---|---|
| Milieurapportage | Materiaalgebruik en | ESRS 2 IRO-1 | Beschrijving van de processen om voor materiaalgebruik en circulaire economie materiële impacts, risico's en kansen inkaart te brengen en te analyseren | SUS-3.2.1 |
| (vervolg) | circulaire | E5-1 | Beleid ten aanzien van materiaalgebruik en circulaire economie | SUS-3.2.2 |
| economie (E5) | E5-2 | Beleid en middelen inzake materiaalgebruik en circulaire economie | SUS-3.2.3 | |
| E5-3 | Doelen wat betreft materiaalgebruik en circulaire economie | SUS-3.2.4 | ||
| E5-4 | Materiaalinstromen | SUS-3.2.5 | ||
| E5-5 | Materiaaluitstromen | SUS-3.2.6 | ||
| E5-6 | Beoogde financiële effecten van risico's en kansen wat betreft materiaalgebruik en circulaire economie | SUS-3.2.7 | ||
| Sociale | Eigen | ESRS 2 SBM 2 | Belangen en opvattingen van belanghebbenden | SUS-4.1.1 |
| rapportage | personeel (S1) | ESRS 2 SBM 3 | Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel | SUS-4.1.2 |
| S1-1 | Beleid ten aanzien van eigen personeel | SUS-4.1.3 | ||
| S1-2Processen om met eigen werknemers en werknemersvertegenwoordigers te overleggen over impactsS1-3Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor eigen werknemers om zorgen kenbaar te maken | SUS-4.1.4 | |||
| SUS-4.1.5 | ||||
| S1-4 | Acteren op materiële impacts op eigen personeel, en benaderingen om wat eigen personeel betreft materiële risico's temitigeren en materiële kansen te benutten, en de effectiviteit van die maatregelen | SUS-4.1.6 | ||
| S1-5 | Doelen wat betreft het beheersen van materiële negatieve impacts, het bevorderen van positieve impacts en hetbeheersen van materiële risico's en kansen | SUS-4.1.7 | ||
| S1-6 | Kenmerken van de werknemers van de onderneming | SUS-4.1.8 | ||
| S1-7 | Kenmerken van medewerkers niet in loondienst onder het eigen personeel van de onderneming | SUS-4.1.9 | ||
| S1-8 | Cao-dekkingsgraad en sociale dialoog | SUS-4.1.10 | ||
| S1-9 | Diversiteitsmaatstaven | SUS-4.1.11 | ||
| S1-10 | Leefbare lonen | Niet materieel | ||
| S1-11 | Sociale bescherming | Niet materieel | ||
| S1-12 | Mensen met een beperking | Niet materieel | ||
| S1-13 | Maatstaven voor opleiding en ontwikkeling van vaardigheden | SUS-4.1.12 | ||
| S1-14 | Veiligheids-en gezondheidsmaatstaven | SUS-4.1.13 | ||
| S1-15 | Maatstaven voor werk-privébalans | Niet materieel | ||
| S1-16 | Beloningsmaatstaven | SUS-4.1.14 | ||
| S1-17 | Incidenten, klachten en ernstige impacts op het gebied van mensenrechten | SUS-4.1.15 |
| Strategisch | ||||
|---|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Deel | ESRS-standaard | Verwijzing naar duurzaamheidsverklaringen | ||
|---|---|---|---|---|
| Sociale | Werknemers | ESRS 2 SBM-2 | Belangen en opvattingen van belanghebbenden | SUS-4.2.1 |
| rapportage | in de | ESRS 2 SBM-3 | Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel | SUS-4.2.2 |
| (vervolg) | waardeketen(S2) | S2-1 | Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen | SUS-4.2.3 |
| S2-2 | Processen om met werknemers in de waardeketen te overleggen over impacts | SUS-4.2.4 | ||
| S2-3 | Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor werknemers in de waardeketen om zorgen kenbaar te maken | SUS-4.2.5 | ||
| S2-4 | Acteren op materiële impacts op werknemers in de waardeketen, en benaderingen om wat betreft werknemers in dewaardeketen materiële risico's te beheersen en materiële kansen te benutten, en de effectiviteit van die maatregelen | SUS-4.2.6 | ||
| S2-5 | Doelen wat betreft het beheersen van materiële negatieve impacts, het bevorderen van positieve impacts en hetbeheersen van materiële risico's en kansen | SUS-4.2.7 | ||
| Consumenten | ESRS 2 SBM-2 | Belangen en opvattingen van belanghebbenden | SUS-4.3.1 | |
| eneindgebruikers (S4) | ESRS 2 SBM-3 | Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel | SUS-4.3.2 | |
| S4-1 | Beleid ten aanzien van consumenten en eindgebruikers | SUS-4.3.3 | ||
| S4-2 | Processen om met consumenten en eindgebruikers te overleggen over impacts | SUS-4.3.4s | ||
| S4-3 | Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor consumenten en eindgebruikers om zorgen kenbaar te maken | SUS-4.3.5 | ||
| S4-4 | Acteren op materiële impacts op consumenten en eindgebruikers en benaderingen om met betrekking tot consumentenen eindgebruikers materiële risico's te beheersen en materiële kansen te benutten, en de effectiviteit van diemaatregelen | SUS-4.3.6 | ||
| S4-5 | Doelen wat betreft het beheersen van materiële negatieve impacts, het bevorderen van positieve impacts en hetbeheersen van materiële risico's en kansen | SUS-4.3.7 | ||
| Deugdelijkbestuur | Zakelijkgedrag (G1) | G1 GOV-1 | De rol van de bestuurs-, toezichthoudende en leidinggevende organen | SUS-2.2.1 |
| rapportage | G1 IRO 1 | Beschrijving van de processen om materiële impacts, risico's en kansen in kaart te brengen en te analyseren | SUS-5.1.1 | |
| G1-1 | Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur | SUS-5.1.2 | ||
| G1-2 | Beheer van relaties met leveranciers | SUS-5.1.3 | ||
| G1-3 | Preventie en opsporing van corruptie of omkoping | SUS-5.1.4 | ||
| G1-4 | Bevestigde incidenten van corruptie of omkoping | SUS-5.1.5 | ||
| G1-5 | Politieke invloed en lobbyactiviteiten | Niet materieel | ||
| G1-6 | Betalingspraktijken | SUS-5.1.6 |
SUS-2.8 Rapportage-eisen die voortkomen uit andere EU-wetgeving
De onderstaande tabel geeft een overzicht van ESRS-datapunten die voortkomen uit andere EU-wetgeving (zie ESRS 2 Bijlage B) en waar deze informatie terug te vinden is indien dit als materieel wordt beschouwd.
| ESRS | Referentie | Pijler 3- | Referentieijkpunt-ver | ReferentieEU-klimaat | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Deel | standaard | Datapunt voortkomend uit andere EU-wetgeving | SFDR | referentie | ordening | wet | Deel | |
| Algemene | Algemene | GOV-1 | Genderdiversiteit raad van bestuur alinea 21 (d) | ● | ● | GOV-2.7 | ||
| toe | toelichtingen(ESRS 2) | GOV-1 | Percentage onafhankelijke bestuurders alinea 21 (e) | ● | GOV-2.1 | |||
| lichtingen | GOV-4 | Due-diligence-verklaring alinea 30 | ● | SUS-2.2.3 | ||||
| SBM-1 | Betrokkenheid bij activiteiten m.b.t. activiteiten fossiele brandstoffenalinea 40 (d) I | ● | ● | ● | Niet materieel | |||
| SBM-1 | Betrokkenheid bij activiteiten m.b.t. chemische productie alinea 40 d) II | ● | ● | Niet materieel | ||||
| SBM-1 | Betrokkenheid bij activiteiten m.b.t. controversiële wapens alinea 40 (d) III | ● | ● | Niet materieel | ||||
| SBM-1 | Betrokkenheid bij activiteiten m.b.t. teelt en productie tabak alinea 40 d) IV | ● | Niet materieel | |||||
| Milieu | Klimaatverandering(E1) | E1-1 | Transitieplan om tegen 2050 klimaatneutraliteit te bereiken alinea 14 | ● | SUS-3.1.1 | |||
| rapportage | E1-1 | Ondernemingen uitgesloten van op Overeenkomst van Parijs afgestemdebenchmarks alinea 16 g) | ● | ● | Niet vantoepassing | |||
| E1-4 | Doelen BKG-uitstootreductie alinea 34 | ● | ● | ● | SUS-3.1.5 | |||
| E1-5 | Totale energieverbruik uit hernieuwbare bronnen, uitgesplitst naarbronnen voor sectoren met grote klimaatimpact alinea 38 | ● | Niet vantoepassing | |||||
| E1-5 | Energieverbruik en energiemix alinea 37 | ● | SUS-3.1.6 | |||||
| E1-5 | Energie-intensiteit activiteiten in sectoren met grote klimaatimpact alinea's40 t/m 43 | ● | Niet vantoepassing | |||||
| E1-6 | Bruto Scope1-, 2-, 3-uitstooten totale BKG-uitstootalinea 44 | ● | ● | ● | SUS-3.1.7 | |||
| E1-6 | Intensiteit bruto-BKG-uitstootalinea's 53 t/m 55 | ● | ● | ● | SUS-3.1.7 | |||
| E1-7 | BKG-verwijderingen en carbon credits alinea 56 | ● | SUS-3.1.8 |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Deel | ESRSstandaard | Datapunt voortkomend uit andere EU-wetgeving | ReferentieSFDR | Pijler 3-referentie | Referentieijkpunt-verordening | ReferentieEU-klimaatwet | Deel | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Milieu | Klimaatverandering(E1)(vervolg) | E1-9 | Blootstelling benchmarkportefeuille aan fysieke klimaatrisico's alinea 66 | ● | SUS-3.1.2 | |||
| rapportage | E1-9 | Locatie significante activa die materieel fysiek risico lopen alinea 66 (c) | ● | SUS-3.1.2 | ||||
| (vervolg) | E1-9 | Uitsplitsing boekwaarde vastgoedactiva naar energie-efficiëntieklassealinea 67 (c) | ● | Niet vantoepassing | ||||
| E1-9 | Mate blootstelling portefeuille aan klimaatkansen alinea 69 | ● | Weglating | |||||
| Verontreiniging(E2) | E2-4 | Hoeveelheid uitstootnaar lucht, water en bodem van elkeverontreinigende stof in bijlage II bij E-PRTR-verordening (Europeesregister uitstoot en overbrenging verontreinigende stoffen) alinea 28 | ● | Niet materieel | ||||
| Water enmarienehulpbronnen(E3) | E3-1 | Water en mariene hulpbronnen 9 | ● | Niet materieel | ||||
| E3-1 | Specifiek beleid alinea 13 | ● | Niet materieel | |||||
| E3-1 | Duurzame oceanen en zeeën alinea 14 | ● | Niet materieel | |||||
| E3-4 | Totale hoeveelheid gerecycled en hergebruikt water alinea 28 (c) | ● | Niet materieel | |||||
| E3-4 | Totale waterverbruik in m³ per netto-opbrengst eigen activiteiten alinea 29 | ● | Niet materieel | |||||
| Bio | SBM-3 | Alinea 16 (a) i | ● | Niet materieel | ||||
| diversiteit | SBM-3 | Alinea 16 (b) | ● | Niet materieel | ||||
| en ecosystemen | SBM-3 | Alinea 16 (c) | ● | Niet materieel | ||||
| (E4) | E4-2 | Praktijken of beleid duurzaam beheer bodem / duurzame landbouw alinea24 b) | ● | Niet materieel | ||||
| E4-2 | Praktijken of beleid duurzaam beheer oceanen / zee alinea 24 (c) | ● | Niet materieel | |||||
| E4-2 | Beleid tegen ontbossing alinea 24 (d) | ● | Niet materieel | |||||
| Materiaal | E5-5 | Niet-gerecycledafval alinea 37 (d) | ● | SUS-3.2.6 | ||||
| gebruik &circulariteit | E5-5 | Gevaarlijk afval en radioactief afval alinea 39 | ● | SUS-3.2.6 |
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Deel | ESRSstandaard | Datapunt voortkomend uit andere EU-wetgeving | ReferentieSFDR | Pijler 3-referentie | Referentieijkpunt-verordening | ReferentieEU-klimaatwet | Deel | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Sociale | Eigen | SBM-3 | Risico incidenten gedwongen arbeid alinea 14 (f) | ● | SUS-4.1.2 | |||
| rapportage | personeel | SBM-3 | Risico incidenten kinderarbeid alinea 14 (g) | ● | SUS-4.1.2 | |||
| (S1) | S1-1 | Toezeggingen op gebied van mensenrechtenbeleid alinea 20 | ● | SUS-4.1.3 | ||||
| S1-1 | Due-diligencebeleid rond kwesties aan de orde in fundamenteleverdragen 1 t/m 8 van Internationale Arbeidsorganisatie alinea 21 | ● | SUS-4.1.3 | |||||
| S1-1 | Processen en maatregelen ter voorkoming van mensenhandel alinea 22 | ● | SUS-4.1.3 | |||||
| S1-1 | Beleid of beheersysteem ter voorkoming van arbeidsongevallen alinea 23 | ● | SUS-4.1.3 | |||||
| S1-3 | Klachtenregelingen alinea 32 (c) | ● | SUS-4.1.5 | |||||
| S1-14 | Aantal sterfgevallen en aantal en aandeel arbeidsongevallen alinea 88 (b)en (c) | ● | ● | SUS-4.1.13 | ||||
| S1-14 | Aantal verzuimdagen als gevolg van letsel, ongevallen, dodelijke ongevallenof ziekte alinea 88 (e) | ● | SUS-4.1.13 | |||||
| S1-16 | Niet-gecorrigeerde loonkloof man-vrouw alinea 97 (a) | ● | ● | SUS-4.1.14 | ||||
| S1-16 | Ratio buitensporige beloning CEO alinea 97 (b) | ● | Niet vantoepassing | |||||
| S1-17 | Gevallen van discriminatie alinea 103 (a) | ● | SUS-4.1.15 | |||||
| S1-17 | Niet-nakoming UNGuiding Principleson Business and Human RightsenOESO-richtlijnen alinea 104 (a) | ● | ● | Niet vantoepassing | ||||
| Werknemers in | SBM-3 | Aanzienlijk risico kinderarbeid of gedwongen arbeid in waardeketen alinea11 (b) | ● | SUS-4.2.2 | ||||
| de waarde | S2-1 | Toezeggingen op gebied van mensenrechtenbeleid alinea 17 | ● | SUS-4.2.3 | ||||
| keten (S2) | S2-1 | Beleid ten aanzien van werknemers in waardeketen alinea 18 | ● | SUS-4.2.3 | ||||
| S2-1 | Niet-nakoming UN Guiding Principleson Business and Human RightsenOESO-richtlijnen alinea 19 | ● | ● | Niet vantoepassing | ||||
| S2-1 | Due-diligence-beleid rond kwesties aan de orde in fundamentele verdragen1 t/m 8 van Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) alinea 19 | ● | SUS-4.2.3 | |||||
| S2-4 | Mensenrechten-problemen en -incidenten m.b.t. upstream-endownstream-waardeketen alinea 36 | ● | SUS-4.2.5 |
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Deel | ESRSstandaard | Datapunt voortkomend uit andere EU-wetgeving | ReferentieSFDR | Pijler 3-referentie | Referentieijkpunt-verordening | ReferentieEU-klimaatwet | Deel | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Sociale | Getroffengemeenschappen(S3) | S3-1 | Toezeggingen op gebied van mensenrechtenbeleid alinea 16 | ● | Niet materieel | |||
| rapportage(vervolg) | S3-1 | Niet-nakoming UN Guiding Principleson Business and Human Rights, ILObeginselen en/of OESO-richtlijnen alinea 17 | ● | ● | Niet materieel | |||
| S3-4 | Mensenrechtenproblemen en -incidenten alinea 36 | ● | Niet materieel | |||||
| Consumenten en eindgebruikers(S4) | S4-1 | Beleid ten aanzien van consumenten en eindgebruikers alinea 16 | ● | SUS-4.3.3 | ||||
| S4-1 | Niet-nakoming UN Guiding Principleson Business and Human RightsenOESO-richtlijnen alinea 17 | ● | ● | Niet vantoepassing | ||||
| S4-4 | Mensenrechten-problemen en -incidenten alinea 35 | ● | Niet vantoepassing | |||||
| Deugdelijk | Zakelijk | G1-1 | VN-Verdrag tegen corruptie alinea 10 (b) | ● | SUS-5.1.2r | |||
| bestuur | gedrag (G1) | G1-1 | Bescherming klokkenluiders alinea 10 (d) | ● | SUS-5.1.2r | |||
| rapportage | G1-4 | Geldboeten voor overtredingen wetgeving tegen corruptie en omkopingalinea 24 (a) | ● | ● | SUS-5.1.3 | |||
| G1-4 | Normen bestrijding corruptie en omkoping alinea 24 (b) | ● | SUS-5.1.3s |
Commissaris Informatie over dit rapport
SUS-3 Milieu-informatie
SUS-3.1 ESRS E1: Klimaatverandering
SUS-3.1.1 Transitieplan voor klimaatmitigatie
Ontex zet zich in om de veerkracht van zijn strategie en bedrijfsmodel te waarborgen in het licht van klimaatverandering. Door zich te richten op het doel van het Akkoord van Parijs (2015) om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5°C, integreert het bedrijf een decarbonisatie-aanpak, de ontwikkeling van duurzame innovatie en risicobeheer in zijn werking.
Het klimaattransitieplan van het bedrijf vloeit voort uit de duurzaamheidsstrategie, die de klimaatgerelateerde ambities en doelstellingen van het bedrijf weerspiegelt voor zowel de eigen activiteiten als de volledige waardeketen tegen 2030. Het vormt een cruciaal onderdeel van de strategie van Ontex en versterkt de veerkracht van het bedrijf door waarde op lange termijn te creëren voor zijn stakeholders en bij te dragen aan een duurzamere toekomst. Het Group Sustainability Team begeleidde de ontwikkeling van het plan, dat werd goedgekeurd door het Uitvoerend Comité. Enkele belangrijke elementen van de benadering van Ontex zijn:
- de uitstootreductiedoelen van de onderneming afstemmen op geloofwaardige economiebrede 1,5°C-scenario's om te voldoen aan de globale klimaatdoelstellingen en om verantwoording te waarborgen (zie deel SUS-3.1.5);
- overschakelen op hernieuwbare energie, de productie-efficiëntie verbeteren en circulaire producten met een lage impact ontwikkelen die voldoen aan de evoluerende verwachtingen van de markt en de klanten (meer informatie vindt u in het deel Maatregelen nemen in dit hoofdstuk) (zie deel SUS-3.1.4);
- proactieve klimaatrisicobeoordelingen en stakeholderbetrokkenheid om fysieke en transitierisico's te beperken (zie deel SUS-3.1.2).
De doelstellingen van Ontex voor de vermindering van broeikasgasuitstoot tegen 2030 zijn gevalideerd door de Science Based Targets initiative (SBTi) en zijn in lijn met het beperken van de opwarming van de aarde tot 1,5°C. Ze dekken Scope 1 en 2, evenals drie belangrijke categorieën van Scope 3, zoals beschreven in deel SUS-3.1.5.
De uitvoering van het transitieplan steunt op vier belangrijke hefbomen:

Ontex is actief in een sector die is opgenomen in op de Overeenkomst van Parijs afgestemde EU-benchmarks, bedoeld om een realistisch beeld te schetsen van de reële economie, ook van sectoren die de uitstoot van broeikasgassen (BKG) actief moeten verminderen.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
In de sector van consumentengoederen de uitstoot variëren afhankelijk van productiepraktijken, materiaalkeuzes en beheer van de toeleveringsketen. Door de korte levensduur van de producten is de potentiële impact van locked-in uitstoot op de realisatie van de uitstootreductiedoelen van Ontex beperkt. Bovendien zijn de potentiële locked-in uitstoot met betrekking tot onze infrastructuur beperkt en voornamelijk afkomstig uit energieverbruik, dat Ontex nog meer koolstofvrij wil maken (zie Scope 1- en 2-uitstoot).
SUS-3.1.2 Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel
Beschrijving van de processen om materiële klimaatimpacts, risico's en -kansen in kaart te brengen en te analyseren
Ontex is vastbesloten de uitstoot van BKG te verlagen en draagt actief bij aan de wereldwijde strijd tegen klimaatverandering. De onderneming heeft klimaatrisico's geïdentificeerd en deelt deze in de volgende hoofdcategorieën in:
- Fysieke risico's: acute gebeurtenissen zoals hittegolven en overstromingen, maar ook chronische veranderingen in klimaatpatronen vormen een bedreiging voor de activiteiten en de toeleveringsketen van Ontex. De onderneming zet zich in om deze risico's te evalueren en te beperken zodat onze operationele veerkracht gewaarborgd blijft.
- Transitierisico's:
- Beleids- en juridische risico's: Ontex past zich aan de evoluerende klimaatwetgeving aan om conform te blijven en operationele onderbrekingen tot een minimum te beperken.
- Reputatierisico's: niet-naleving van de milieunormen, inefficiënte communicatie of een slechte afstemming op de publieke perceptie kunnen de reputatie van Ontex schaden. Onze prioriteiten zijn transparante communicatie, naleving van regelgeving en proactieve klimaatmaatregelen om reputatierisico's te beheersen.
• Marktrisico's: consumenten zijn zich steeds meer bewust van milieukwesties en passen hun gedrag daaraan aan en dit kan de vraag naar onze producten beïnvloeden. Om concurrerend te blijven, stemt Ontex haar productaanbod af op de verwachtingen van milieubewuste consumenten.
Door deze risico's actief te beheren en aan te pakken, wil Ontex haar koolstofvoetafdruk verminderen en de veerkracht, compliance en duurzaamheid van haar activiteiten bevorderen als antwoord op de klimaatuitdagingen.
Klimaatscenario-analyse
Bedrijven worden geconfronteerd met toenemende fysieke en transitie risico's als gevolg van klimaatverandering. Om deze uitdagingen aan te pakken en kansen voor groei en innovatie te verkennen, heeft Ontex in 2025 zijn fysieke klimaatrisicoanalyse herzien, waarbij zowel de tijdshorizon 2030 als 2050 werd onderzocht. Deze analyse richtte zich op het identificeren van kwetsbaarheden, het verbeteren van de paraatheid en het proactief beperken van de gevolgen van klimaatverandering.. De belangrijkste resultaten zijn:
Fysieke risico's: Ontex beoordeelde operationele verstoringen als gevolg van extreem weer, met bijzondere aandacht voor productiesites en kwetsbaarheden in de toeleveringsketen. Onder het IPCC RCP 8.5 (BAU 3.2–4.5)-scenario [41] werden klimaatgerelateerde risico's geëvalueerd op basis van verschillende factoren, waaronder de waarde van activa en mogelijke omzetverliezen, uitgaande van de veronderstelling dat bepaalde productiesites kunnen worden vertraagd of tijdelijk stilgelegd door specifieke klimaatgebeurtenissen. De beoordeling hield ook rekening met de waarschijnlijkheid van elk klimaatrisico op de locatie van elke productiesite, evenals met de mitigerende maatregelen die reeds genomen zijn om de sites tegen deze risico's te beschermen. Tegen 2050 kunnen klimaatgerelateerde gevaren verhoogde risico's vormen voor Ontex, in het bijzonder overstromingen en hevige stormen, die kunnen leiden tot schade aan activa en onderbreking van de bedrijfsvoering. De eerdere studie van Ontex uit 2023 onderzocht transitierisico's en -kansen. De belangrijkste bevindingen worden hieronder weergegeven.
[41] RCP 8.5 is het 'business-as-usual' of 'worstcasescenario': het modelleert een toekomst waarin de broeikasgasuitstoot in een hoog tempo blijven toenemen, wat resulteert in het hoogste niveau van opwarming van de aarde en de meest ernstige gevolgen van klimaatverandering. RCP 8.5 combineert aannames over een
hoge bevolkingsgroei en een relatief trage inkomensgroei met bescheiden percentages van technologische verandering en verbetering van de energie-intensiteit, wat op lange termijn leidt tot een hoge energievraag en BKG-uitstoot als er geen klimaatbeleid wordt gevoerd. Dit scenario gaat ook uit van een beperkt aantal nieuwe beleids- of regelgevende maatregelen.
Klimaatscenario-analyse (vervolg)
Transitierisico's: Ontex heeft ook de risico's in het IPPC RCP 2.6-scenario (1.5-2.0) [42] bekeken, zoals koolstofbelastingen en komende EU-regelgeving. Deze analyse heeft de potentiële financiële gevolgen van koolstofbeprijzing over een periode van 30 jaar benadrukt, afgezet tegen potentiële verliezen van EBITDA. Het versnellen van de decarbonisatie, door middel van investeringen in nieuwe machines en technologie, werd gezien als een noodzakelijke maar dure onderneming.
Kansen: mogelijkheden zoals overheidsfinanciering en belastingincentives werden geïdentificeerd om de decarbonisatie-inspanningen en innovatiedoelstellingen te ondersteunen. Vroege investeringen in decarbonisatie kunnen hogere initiële kosten met zich meebrengen, maar bieden op lange termijn waarde in vergelijking met ongeregelde transities, die duurder zouden uitvallen als de vermindering van de koolstofintensiteit wordt uitgesteld. Ontex heeft geen activa of bedrijfsactiviteiten geïdentificeerd die onverenigbaar zijn met de transitie naar een klimaatneutrale economie. Dit versterkt haar vermogen om zich aan te passen aan de veranderende klimaatvereisten en tegelijk de BKG-uitstoot te verminderen.
Methodologie van de klimaatscenarioanalyse
De klimaatscenarioanalyse hield rekening met de kernactiviteiten van Ontex (in Europa en Noord- en Zuid-Amerika) en de belangrijkste leveranciers die mogelijk blootgesteld zijn aan extreme weersomstandigheden, zoals de pulp- en katoenleveranciers. De analyse gebruikte geospatiale coördinaten voor de activiteiten van Ontex en regionale informatie voor gegevens over de waardeketen. De tijdshorizon op korte, middellange en lange termijn werd bekeken in functie van de materiële klimaatrisico's en -kansen, vergelijkbaar met de ERM-analyse (Enterprise Risk Management) van Ontex. Daarnaast werden gevoeligheids- en blootstellingsbeoordelingen uitgevoerd aan de hand van de volgende stappen. De methodologie volgt een vierstappenaanpak om klimaatgerelateerde risico's en adaptatienoden binnen de activiteiten en toeleveringsketen van Ontex te beoordelen:
-
- Een blootstellingsanalyse identificeert de belangrijkste klimaatrisico's en de meest blootgestelde sites, waarbij zowel 12 eigen productiesites als ongeveer 300 leverancierssites worden opgenomen. Deze stap stelt prioriteiten op basis van geografie, leveranciersniveau en het belang binnen de waardeketen.
-
- Een kwetsbaarheidsbeoordeling wordt uitgevoerd voor de 12 eigen sites om hun gevoeligheid voor de geïdentificeerde risico's te evalueren en om een algemene risicoscore te berekenen op basis van de kenmerken van de activa, locatiespecifieke omstandigheden en bestaande beschermingsmaatregelen.
-
- De financiële impact van klimaatrisico's wordt gekwantificeerd voor de 12 eigen sites door potentiële schade aan activa, verstoringen van de bedrijfsactiviteiten en bijkomende operationele kosten te ramen onder de verschillende klimaatscenario's.
-
- Daarnaast worden adaptatieoplossingen beoordeeld voor elke eigen site ter ondersteuning van de planning rond klimaatadaptatie, inclusief de identificatie van mogelijke maatregelen, de bijbehorende kosten en de verwachte voordelen inzake risicoreductie.
De risicoanalyse, die een kwetsbaarheidsbeoordeling omvatte, identificeerde hittegolven, natuurbranden, overstromingen en hevige stormen als mogelijke risico's voor de activiteiten van het bedrijf. Daarnaast werden mogelijke risico's beoordeeld die de Ontex-activiteiten binnen de toeleveringsketen kunnen beïnvloeden, waaronder waterschaarste, kustoverstromingen, hittegolven, duur van het brandseizoen en dagen met extreem brandgevaar. Deze risico's werden op dit moment beoordeeld als niet-significant voor de activiteiten of de toeleveringsketen van Ontex.
SUS-3.1.3 Beleid ten aanzien van klimaatmitigatie en klimaatadaptatie
Ontex pakt de klimaatproblemen aan door ze een plaats te geven in de bedrijfspraktijken en beleidslijnen, wat getuigt van een sterke verbintenis op het vlak van duurzaamheid.
[42] RCP2.6 is een scenario met 'strikte mitigatie' en wordt beschouwd als een 'bestcasescenario': het modelleert een toekomst met lagere broeikasgasuitstoot, wat leidt tot minder ernstige gevolgen van klimaatverandering.
Het streeft naar minder dan 2°C boven pre-industriële temperaturen. Het RCP2.6-scenario combineert aannames over de invoering van drastische klimaatmitigatieplannen, technologische vooruitgang (zoals koolstofafvang en -opslag), een lagere energie-intensiteit en de ontwikkeling van hernieuwbare energie.
| Strategisch | |
|---|---|
| rapport |
| Beleid | Doel | ESG thema's | Perimeter | |
|---|---|---|---|---|
| Duurzaamheidsbeleid | •Het belang van hernieuwbare energie en energie-efficiëntie benadrukken, met behulp van een geïntegreerdbeheersysteem om klimaatrisico's aan te pakken door middel van mitigatie-en adaptatiestrategieën. | •Energieverbruik en energiemix•Bruto Scope1-, 2-, 3-uitstooten | Alle werknemers enniet-werknemers in | |
| •Streven naar het gebruik van hernieuwbare bronnen, transparantie en duurzame inkooppraktijken.Leveranciers moeten zorgen voor traceerbaarheid en naleving van de normen voor duurzame materialen,waaronder hout, katoen en plastic op biologische basis. Dit omvat de naleving van certificeringen door derden,zoals FSC voor hout en GOTS voor katoen, om ethisch materiaalbeheer te bevorderen.•Maatregelen invoeren om klimaatrisico's te identificeren en te beheren. Deze maatregelen zijn bedoeld om deoperationele veerkracht te versterken en de toeleveringsketen tegen mogelijke klimaateffecten te beschermen. | totale broeikasgasuitstoot•Materiaalinstromen•Materiaaluitstromen•Producten en materialen | hetpersoneelsbestandvan Ontex en hetpersoneelsbestandvan haarleveranciers. | ||
| •Klimaatverandering tegengaan via een tweeledige aanpak van mitigatie en aanpassing. De mitigatieinspanningen zijn gericht op de beperking van de BKG-uitstoot in de hele waardeketen, met specifiekedoelstellingen voor het minimaliseren van het materiaalgebruik. | ||||
| •Prioriteit geven aan een efficiënt materiaalgebruik door de afhankelijkheid van nieuwe materialen teverminderen en terugwinning en hergebruik van materialen te bevorderen. Belangrijke maatregelen zijn onderandere het gebruik van hernieuwbare materialen, de invoer van innovatieve recyclingprocessen en de integratievan circulaire ontwerpprincipes in producten om afval te minimaliseren. | ||||
| •Een geïntegreerd beheersysteem inzetten om circulaire kansen op te sporen en te benutten in alle activiteitenen in de toeleveringsketen. Enkele initiatieven: verpakkingen optimaliseren om die beter te kunnen recyclen,meer hernieuwbare en gerecyclede inhoud gebruiken in producten en samenwerken met partners ommateriaalkringlopen te sluiten. | ||||
| •Met deze strategieën onderstreept Ontex haar engagement om de uitstoot te verminderen en eenklimaatveerkrachtig businessmodel op te bouwen. Dit beleid benadrukt de inzet van Ontex om de impact ophet milieu te verminderen, de levenscyclus van producten teverlengen en een veerkrachtige, circulaireeconomie te bevorderen. | ||||
| Klimaat-en | •Richt zich op de inperking van de BKG-uitstoot, met prioritaire aandacht voor energie-efficiëntie en | •Energieverbruik en energiemix | Alle werknemers, | |
| circulariteitsbeleid | hernieuwbare energie en het gebruik van materialen met een lage impact in producten | •Bruto Scope1-, 2-, 3-uitstooten | leveranciers, klanten,investeerders en | |
| •Richt zich op de inkoop van duurzame materialen, productontwerp voor recyclebaarheid en minimalisering vanafval om de principes van de circulaire economie te bevorderen | totale broeikasgasuitstoot•Materiaalinstromen | gemeenschappen | ||
| •Materiaaluitstromen | die betrokken zijn bij | |||
| •Producten en materialen | de activiteiten vanOntex. |
SUS-3.1.4 Maatregelen nemen en middelen wat betreft beleid ten aanzien van klimaatverandering
De acties van Ontex om klimaatverandering aan te pakken omvatten de overstap naar hernieuwbare energie, het verbeteren van de productie-efficiëntie en het ontwikkelen van producten met een lage impact die aansluiten bij de evoluerende marktvraag en de verwachtingen van klanten. Hoewel de fysieke klimaatrisico's momenteel beperkt zijn, beperkt het bedrijf zijn impact door lokale maatregelen te implementeren die geïntegreerd zijn in het continuïteitsplan, zoals efficiënte koelsystemen om hittegolven op te vangen, het onderhoud van groenruimtes om het risico op natuurbranden te verminderen, en waterkeringen om bescherming te bieden tegen overstromingen. Ontex analyseerde verder de klimaatrisico's van zijn sites, zoals weergegeven in deel SUS-3.1.4, en breidde de analyse uit naar de productiesites van leveranciers om de veerkracht en aanpassingsstrategieën te versterken.
Transitie naar hernieuwbare energie en meer efficiëntie
In 2025 bleef Ontex prioriteit geven aan energie-efficiëntie via initiatieven zoals het installeren van geavanceerde apparatuur om het energieverbruik te optimaliseren en een systeem voor energierecuperatie, wat leidde tot een verminderd gasverbruik. In het voorbije jaar verminderde het bedrijf zijn afhankelijkheid van fossiele brandstoffen verder door een combinatie van strategische initiatieven, digitalisering van het energiebeheer en gerichte investeringen in de volledige productie-omgeving. Ontex verlaagde opnieuw zijn energie-intensiteit en blijft zich inzetten voor verdere vooruitgang door apparatuur te moderniseren, processen te optimaliseren en geavanceerde monitoringtechnologieën in te zetten, waarmee het zijn engagement voor voortdurende verbetering onderstreept.
Om voort te bouwen op deze resultaten en de overgang naar hernieuwbare elektriciteit te ondersteunen, begon Ontex elektrificatiemogelijkheden te verkennen in het kader van virtual power purchase agreement (VPPA) in Europa. Het bedrijf sloot zich aan bij een groep andere geïnteresseerde partijen om de schaal en impact te vergroten. Tegelijkertijd versterkte Ontex zijn energiedatacapaciteit door een pilootproject voor een energiebewakingssysteem te lanceren in de fabriek in Ortona. Deze oplossing voor realtime energiemetingen verhoogt de nauwkeurigheid van gegevens op lijn- en apparaatniveau, ondersteunt de uitrol van energieprestatie-indicatoren en maakt het mogelijk om kansen voor energie-efficiëntie te identificeren en te prioriteren, in lijn met de Energy & Emissions Strategy van Ontex.
Binnen zijn activiteiten voerde Ontex verschillende lokale projecten voor energie-efficiëntie uit:
- Dourges: De vervanging van zeven oude ventilatormotoren door efficiënte motoren en het opsporen van lekken in het persluchtsysteem zorgden voor aanzienlijke elektriciteitsbesparingen.
- Noginsk: Automatische uitschakelsystemen voor magazijnverlichting werden geïnstalleerd en analyses van elektriciteit van externe netwerken werden uitgevoerd om kansen te identificeren om de bijhorende CO₂-uitstoot te verminderen.
- Ortona: Initiatieven voor het opsporen van persluchtlekken werden gecombineerd met de invoering van een AI-gestuurd optimalisatie-instrument voor compressors, dat leert van het reële gedrag en vervolgens het energieverbruik optimaliseert. Dit gebeurde parallel met de implementatie van het project voor realtime energiedatatracking.
- Radomsko: Het energieverbruik werd verlaagd via optimalisatie van koelinstallaties en de installatie van kleppen om het gasdebiet te reduceren.
- Segovia: De opwekking van hernieuwbare energie op de site werd uitgebreid door de installatie van bijkomende zonnepanelen, goed voor 8.000 m² en ongeveer 1,3 GWh hernieuwbare elektriciteit per jaar.
- Tijuana: Initiatieven voor het opsporen van lekken in perslucht werden uitgevoerd om onnodig energieverlies te verminderen.
Door deze concrete acties bleef Ontex zijn energieverbruik per geproduceerde eenheid verlagen, met een blijvende focus op operationele efficiëntie en langetermijn koolstofreductie.
Circulaire producten met een lage impact ontwikkelen
Ontex realiseerde een reductie van 6% in Scope 3-uitstoot in vergelijking met 2020. Het integreren van duurzaamheid in elk product blijft een kernengagement, waarbij koolstofreductie een belangrijke drijfveer is voor waardecreatie en klanten in staat stelt om naadloos duurzame kenmerken in hun eigen producten op te nemen.
De reductie van de uitstoot vereist een nauwe samenwerking met de leveranciers van Ontex. Toegang tot betaalbare grondstoffen en materialen die helpen de uitstoot te verlagen, is daarbij essentieel. Daarom werkt het bedrijf met zijn leveranciers samen op twee manieren:
- Het integreren van grondstoffen met hoge prestaties en een lagere koolstofintensiteit om de koolstofvoetafdruk van zijn producten te verkleinen.
- Het verbeteren van de transparantie in de aankoop van belangrijke grondstoffen, waardoor de verantwoordelijkheid wordt versterkt en een nauwkeurigere beoordeling van de milieu-impact mogelijk wordt. Hierdoor worden nu 64% van de grondstoffen van het bedrijf
gedekt door leveranciersspecifieke gegevens, die gedurende het jaar werden beoordeeld in nauwe samenwerking met de duurzaamheidsexperten van Ontex.
Een duidelijk inzicht in de koolstofvoetafdruk van grondstoffen is essentieel, omdat het het bedrijf in staat stelt om op een constructieve manier met leveranciers samen te werken aan gerichte acties om de waardeketen verder te decarboniseren.
Productontwerp en nauwe samenwerking met de klanten van het bedrijf zijn even belangrijk om de milieu-impact te verminderen,. Als onderdeel van het ontwerp- en ontwikkelingsproces -ontwerpt Ontex producten samen met zijn klanten en voorziet het een gedetailleerde productscorecard die geïnformeerde besluitvorming ondersteunt en duidelijke inzichten biedt in de milieuprestaties. In 2025 werd de productscorecard verder verfijnd om haar waarde voor stakeholders te versterken door diepgaandere en meer toepasbare inzichten te verschaffen in de milieu-impact van de producten van de Groep.
Het bedrijf introduceerde ook nieuwe ontwerpconcepten, zoals:
- Een nieuw flexibel sluitsysteem dat erop gericht is de frontale tape uit babyluiers te verwijderen, wat een geschatte vermindering van ~1% in de totale koolstofvoetafdruk en het plasticgehalte oplevert.
- De introductie van biogebaseerde superabsorberende polymeren (bioSAP) in luiers, met een eerste uitrol in geselecteerde producten. Dit nieuwe materiaal vervangt nieuw fossiel-gebaseerd plastic SAP in de absorberende kern, waardoor de koolstofvoetafdruk wordt verlaagd zonder in te boeten aan prestaties.
- Via het Dreams Shield-project verlaagde Ontex het grammage van luiers, waardoor het aantal stuks per pallet toenam en de transporteffectiviteit verbeterde, met als gevolg een daling van de logistiekgerelateerde uitstoot per eenheid.
Toekomstige focus en middelenallocatie
In de toekomst zal Ontex zich toeleggen op het doorvoeren van de geplande reducties in haar eigen activiteiten en productontwerpactiviteiten en tegelijk ook beoogde reducties in haar waardeketen nastreven. Zo zullen we onder meer de operationele efficiëntie verbeteren, duurzame praktijken toepassen en nauw samenwerken met partners om de milieu-impact van onze bedrijfsactiviteiten te minimaliseren. Tegelijkertijd zullen we samenwerken met leveranciers en klanten om duurzaamheid in de hele waardeketen te verankeren.
Of we deze maatregelen met succes kunnen invoeren, hangt af van de beschikbaarheid en allocatie van financiële en menselijke middelen. Investeringen in technologie en capaciteitsopbouw zijn essentieel om de noodzakelijke veranderingen te stimuleren.
De onderstaande grafiek illustreert de geplande uitstootreducties tegen 2030 en schetst de belangrijkste maatregelen om de uitstoot te verminderen en de klimaatdoelstellingen van Ontex op lange termijn te ondersteunen.


Initiatieven rond reductie door ontwerp focussen op het verminderen van materiaalgebruik, het verlagen van het plasticgehalte en het verbeteren van de productefficiëntie, terwijl de prestaties behouden blijven. Acties zoals het verlagen van het gewicht, het weglaten van componenten en ontwerpinnovatie verminderen rechtstreeks de koolstofvoetafdruk die in producten vervat zit.
Het decarbonisatieprogramma voor de toeleveringsketen richt zich op transparantie en samenwerking met leveranciers om een nauwkeurigere beoordeling van de uitstoot van grondstoffen mogelijk te maken. Door nauw samen te werken met kernleveranciers stimuleert Ontex het gebruik van materialen met een lagere koolstofintensiteit en ondersteunt het initiatieven voor koolstofreductie die door leveranciers worden geleid binnen de volledige waardeketen.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Het bedrijf werkt aan efficiëntie in de toeleveringsketen door transportroutes te optimaliseren, de laadefficiëntie te verhogen en over te schakelen naar transportmodi met een lagere uitstoot, wat bijdraagt aan lagere uitstoot gelinkt aan distributie en logistiek.
Tot slot verminderen energie-efficiëntiemaatregelen, procesoptimalisatie en de overgang naar energiebronnen met een lagere koolstofintensiteit de uitstoot afkomstig van de productieactiviteiten. Initiatieven voor continue verbetering zorgen ervoor dat uitstootreducties worden verankerd in de dagelijkse werking.
De geldbedragen voor de vereiste kapitaaluitgaven en operationele uitgaven om deze maatregelen in te voeren voor het huidig jaar, worden vermeld in deel SUS-3.3.
SUS-3.1.5 Maatstaven en doelen
Doelen inzake klimaatmitigatie en klimaatadaptatie

In 2025 rondde Ontex zijn strategische heroriëntering af naar retail- en zorgmerken in de kernmarkten Europa en Noord-Amerika, waaronder de desinvesteringen van de Braziliaanse en Turkse activiteiten. Als gevolg daarvan besliste de onderneming om haar Science Based Targets initiative (SBTi)-doelstellingen opnieuw in te dienen, om zo een blijvende afstemming tussen de financiële en klimaatambities van de onderneming te verzekeren. Het referentiejaar 2020 werd herwerkt om de nieuwe footprint van Ontex te weerspiegelen. De bijgewerkte doelstellingen werden in december 2025 door SBTi goedgekeurd.
- Met de ambitie om nu tegen 2030 een reductie van 71% te realiseren ten opzichte van het herzien referentiejaar 2020, blijft Ontex volledig toegewijd aan de vermindering van zijn Scope 1 en Scope 2 broeikasgasuitstoot, waarbij hetzelfde ambitieniveau wordt behouden.
- Ontex heeft eveneens zijn Scope 3 doelstellingen aangepast en streeft er nu naar om de Scope 3 broeikasgasuitstoot afkomstig van aangekochte goederen en diensten, upstream transport en distributie, en afvalverwerking aan het einde van de levensduur van verkochte producten met 51,6% per euro toegevoegde waarde tegen 2030 te verminderen, met 2020 als basisjaar. De overstap van een absolute reductie[43] naar een economische intensiteitsdoelstelling stemt de klimaatambities beter af op de groeiambities van het bedrijf.
Deze doelstellingen hebben betrekking op alle operationele activiteiten van Ontex en zijn in lijn met de doelstelling van het Akkoord van Parijs om de mondiale temperatuurstijging te beperken tot 1,5°C, onafhankelijk gevalideerd door SBTi. De doelstellingen werden opgesteld met actieve betrokkenheid van stakeholders, wat brede participatie en transparantie binnen het deugdelijk bestuurkader van Ontex verzekert.
In de loop van 2025 bleef Ontex zijn absolute Scope 3 doelstellingen voor broeikasgasuitstootreductie opvolgen met 2020 als referentiejaar, en realiseerde het een reductie van 9% ten opzichte van 2024 en 6% ten opzichte van 2020.
Vijf jaar vroeger dan gepland bereikte Ontex in 2025 zijn doelstelling om 100% van zijn elektriciteit uit hernieuwbare bronnen te betrekken en het blijft vastberaden om dit te behouden.
Om de vergelijkbaarheid en een nauwkeurige opvolging van de vooruitgang te verzekeren, worden alle cijfers in deze deel volgens dezelfde perimeter gepresenteerd.
[43] De vorige absolute Scope 3-doelstelling voor broeikasgasuitstoot was een reductie van 25% over de volledige waardeketen tegen 2030, met 2020 als referentiejaar.
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissaris | Informatie over dit rapport | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Working towards net zero emissions | Voortgangrapportage | ||||||
| Basislijn | Doelen 2030(geactualiseerd) | 2023(herrekend) | 2024(herrekend) | 2025 | |||
| Verminderen van uitstoot | in onze operaties (Scope 1-2) met 71% | 2020 | -71% | -48% | -45% | -66% | |
| Verminderen van uitstoot | in onze waardeketen (Scope | 3) met 51.6% per € toegevoegde waarde | 2020 | [44]-51.6% | 4% | -9% | 5% |
| 100% hernieuwbare elektriciteit | - | 100% | 99% | 99% | 100% |
SUS-3.1.6 Energieverbruik en energiemix
In 2025 haalde Ontex 100% van zijn elektriciteit uit hernieuwbare bronnen, waarbij het bedrijf zijn doelstelling voor 2030 reeds behaalde. Van deze elektriciteit werd 6% op de eigen sites opgewekt. Hernieuwbare energie wordt aangekocht via instrumenten zoals garanties van oorsprong of certificaten voor hernieuwbare energie; daarvan is 26% gekoppeld aan instrumenten en 68% afkomstig van niet-gekoppelde instrumenten.
Deze overstap heeft aanzienlijk bijgedragen aan een reductie van 66% in Scope 1 en 2 uitstoot ten opzichte van het basisjaar 2020. Elektriciteit blijft de belangrijkste energiebron in de fabrieken van Ontex, waardoor hernieuwbare elektriciteit een essentieel onderdeel vormt van de duurzaamheidsstrategie. Ontex blijft zich ertoe verbinden om 100% hernieuwbare elektriciteit te blijven aankopen en zal blijven werken aan het behouden van deze status.
Er worden inspanningen geleverd om specifieke apparatuur die momenteel afhankelijk is van fossiele brandstoffen te elektrificeren, om zo het energieverbruik per geproduceerde eenheid verder te verminderen.
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Energieconsumptie enmix | Voortgangrapportage | ||
|---|---|---|---|
| In MWh | 2023 (herrekend) | 2024 (herrekend) | 2025 |
| 1)Brandstofverbruik uit kolen en kolenproducten | 0 | 0 | 0 |
| 2)Brandstofverbruik uit ruwe olie en petroleumproducten | 18.723 | 17.815 | 14.741 |
| 3)Brandstofverbruik uit aardgas | 32.681 | 29.857 | 32.158 |
| 4)Brandstofverbruik uit andere fossiele bronnen | 184 | 90 | 33 |
| 5)Verbruik ingekochte of verworven elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit fossiele bronnen | 1.882 | 1.884 | 79 |
| 6)Totaal verbruik fossiele energie(berekend als de som van lijnen 1 tot 5) | 53.470 | 49.646 | 47.011 |
| Aandeel fossiele bronnen in totale energieverbruik | 17% | 15% | 15% |
| 7)Verbruik uit nucleaire bronnen | 0 | 0 | 0 |
| Aandeel verbruik uit nucleaire bronnen in totale energieverbruik | 0 | 0 | 0 |
| 8)Brandstofverbruik uit hernieuwbare bronnen, incl. biomassa (ook industrieel en gemeentelijk afval van biologischeoorsprong, biogas, waterstof uit hernieuwbare bronnen enz.) | 783 | 47 | 0 |
| 9)Verbruik ingekochte of verworven elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit hernieuwbare bronnen | 260.342 | 283.961 | 267.444 |
| 10)Verbruik zelfopgewekte hernieuwbare energie uit andere bronnen dan brandstof (non-fuel) | 16.950 | 17.583 | 16.374 |
| 11)Totaal verbruik hernieuwbare energie (berekend als de som van lijnen 8 tot 10) | 278.075 | 301.591 | 283.818 |
| Aandeel hernieuwbare bronnen in totale energieverbruik | 84% | 86% | 86% |
| Totaal energieverbruik(berekend als de som van lijnen 6, 7 en 11) | 331.545 | 351.237 | 330.829 |
De activiteiten van Ontex zijn geregistreerd onder de NACE-codes 17220 (Vervaardiging van huishoudelijke en sanitaire papierwaren) en 17120 (Vervaardiging van papier en karton). Die worden bestempeld als activiteiten in sectoren met een grote impact op het klimaat krachtens Verordening (EU) 2019/2088 en bijlage 1 van de gerelateerde Gedelegeerde Verordening inzake duurzaamheidsinformatie beleggingen. De onderstaande intensiteitsmaatstaven zijn afgeleid van deze activiteiten.
| Energie-intensiteit per nettoopbrengst | Eenheid | 2024(herrekend) | 2025 | 2025/2024 |
|---|---|---|---|---|
| Totaal energieverbruik | MWh | 351.237 | 330.829 | -6% |
| Netto-opbrengst uit activiteiten insectoren met een grote impact ophet klimaat gebruikt om deenergie-intensiteit te berekenen | miljoen € | 1.860,5 | 1.761,6 | -5% |
| Netto-opbrengst (overige) | miljoen € | 0 | 0 | 0% |
| Totale netto-opbrengst | miljoen | |||
| € | 1.860,5 | 1.761,6 | -5% | |
| Energie-intensiteit per netto-omzet | MWh/miljoen € | 179,3 | 178,5 | 0% |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Methodologieën en aannames
De energieverbruiksgegevens van Ontex worden op fabrieksniveau verzameld en vervolgens geconsolideerd op groepsniveau. De perimeter van hernieuwbare energie wordt bepaald volgens de Green House Gas Protocol Scope 2 richtlijnen en omvat energie afkomstig van wind, zon, biomassa (inclusief bio- en andere natuurlijk geproduceerde gassen), waterkracht (inclusief mariene hydro-energie) en geothermische bronnen. Alle elektriciteit die op eigen sites wordt opgewekt, gebeurt via zonne-energie.
De afgestoten fabrieken (de Braziliaanse en Turkse activiteiten) zijn uitgesloten uit de gegevens voor 2025 in deze deel, en de vergelijkende informatie werd herzien om de consistentie en vergelijkbaarheid tussen verschillende jaren te waarborgen [45] .
SUS-3.1.7 Bruto Scope 1-, 2-, 3-uitstoot en totale broeikasgasuitstoot
Scope 1, 2 en 3 broeikasgasuitstoot van Ontex
Onderstaande tabel toont de evolutie van de Broeikasgas (BKG) Scope 1-, 2- en 3-uitstoot van Ontex tijdens de voorbije 3 jaar.
| BKG uitstoot | Voortgangrapportage | Doelen | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2020 | 2024 | 2030 | |||||
| intCO2eq | (herrekend) | (herrekend) | 2025 | 2025/2024 | 2025/2020 | (geactualiseerd) | 2050 |
| 1-BKG-uitstootScope | |||||||
| Bruto Scope1-BKG-uitstoot | 7.780 | 11.859 | 10.620 | -10% | 37% | ||
| Percentage Scope1-BKG-uitstootuit gereglementeerdeuitstoothandelssystemen | 0 | 0 | 0 | ||||
| Bruto Scope1-BKG-uitstoot | 0 | 0 | 0 | ||||
| 2-BKG-uitstootScope | |||||||
| Bruto locatiegebaseerde Scope2-BKG-uitstoot | 75.290 | 71.076 | 68.424 | -4% | -9% | ||
| Bruto marktgebaseerde Scope2-BKG-uitstoot | 23.524 | 5.451 | 11 | -100% | -100% | ||
| (marktgebaseerd)1+2-uitstootScope | 31.304 | 17.310 | 10.631 | -39% | -66% | -71% |
2023 en 308.784 MWh voor 2024, en een totale energieconsumptie van 364.471 MWh voor 2023 en 379.058 MWh voor 2024.
[45] In de Duurzaamheidsverklaringen 2024 rapporteerde Ontex: een totale fossiele energieconsumptie van 76.382 MWh voor 2023 en 20.103 MWh voor 2024, een totale hernieuwbare energieconsumptie van 288.089 MWh voor
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| BKG uitstoot | Voortgangrapportage | Doelen | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2020 | 2024 | 2030 | |||||
| in tCO2eq | (herrekend) | (herrekend) | 2025 | 2025/2024 | 2025/2020 | (geactualiseerd) | 2050 |
| 3-BKG-uitstootScope | |||||||
| 1)Gekochte goederen en diensten | 754.287 | 881.965 | 808.916 | -8% | 7% | ||
| 2) Kapitaalgoederen | 71.037 | 104.866 | 75.514 | -28% | 6% | ||
| 3)Brandstof-en energie-activiteiten(niet opgenomen in Scope1 of Scope2) | 6.337 | 8.287 | 7.625 | -8% | 20% | ||
| 4)Upstreamvervoer en -distributie | 213.121 | 247.602 | 217.597 | -12% | 2% | ||
| 5) Afval geproduceerd bij activiteiten | 13.637 | 13.739 | 16.651 | 21% | 22% | ||
| 6)Zakelijk reisverkeer | 432 | 888 | 556 | -37% | 29% | ||
| 7)Woon-werkverkeer werknemers | Niet van toepassing | ||||||
| 8)Upstream geleasede activa | Niet van toepassing | ||||||
| 9)Downstreamvervoer | 57.512 | 39.296 | 37.206 | -5% | -35% | ||
| 10)Verwerking verkochte producten | Niet van toepassing | ||||||
| 11)Gebruik verkochte producten | Niet van toepassing | ||||||
| 12)Einde-levensfase-verwerking verkochte producten | 642.073 | 510.206 | 487.495 | -4% | -24% | ||
| 13)Downstream geleasede activa | Niet van toepassing | ||||||
| 14) Franchises | Niet van toepassing | ||||||
| 15)Investeringen | Niet van toepassing | ||||||
| Totaal bruto indirecte (Scope3) BKG-uitstoot | 1.758.436 | 1.806.849 | 1.651.560 | -9% | -6% | ||
| Totale BKG-uitstoot(locatiegebaseerd) | 1.841.506 | 1.889.784 | 1.730.604 | -8% | -6% | ||
| Totale BKG-uitstoot(marktgebaseerd) | 1.789.741 | 1.824.159 | 1.662.191 | -9% | -7% |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Methodologie en aannames
Scope 1-2-BKG-uitstoot
Ontex rapporteert over absolute Scope 1- en 2-uitstoot volgens de methodologie van het Green House Gas Protocol. De gerapporteerde uitstoot hebben betrekking op in E1 vermelde locaties, met uitzondering van verkoopkantoren die geen verband houden met fabrieken. Deze uitsluitingen vallen onder de grenscriteria, aangezien ze minder dan 1% van de totale klimaatimpact vertegenwoordigen. De vermelde Scope 1- en 2-uitstoot worden uitgedrukt in ton CO2-equivalenten (ton CO2-eq). Berekeningen zijn gebaseerd op primaire gegevens die ter plaatse zijn verzameld en omgezet in BKG-uitstoot met behulp van relevante uitstootfactoren, waaronder Bilan Carbone, de BKG-conversiefactoren van de Britse overheid voor bedrijfsverslaglegging, en de IEA- en leverancierspecifieke factoren voor elektriciteit. Deze factoren maken een onderscheid tussen het percentage biomassa of biogene CO2.. Scope 2-uitstoot worden bekendgemaakt op basis van zowel marktgebaseerde [ 46] als locatiegebaseerde [ 47] methoden.
De intensiteit van broeikasgasuitstoot wordt berekend door de totale marktgebaseerde Scope 1- en 2-uitstoot (in ton CO2-eq) te delen door de totale inkomsten van Ontex (in €):
Intensiteit broeikasgasuitstoot (ton CO2 / €) = (Scope 1 + Scope 2) / Totale omzet
Scope 3-BKG-uitstoot
Scope 3-uitstoot worden gerapporteerd volgens de methodologie van het Green House Gas Protocol, waarbij gebruik wordt gemaakt van de benadering van operationele zeggenschap [ 48] De Scope 3-rapportage van Ontex omvat categorieën zoals:
-
gekochte goederen en diensten
-
*upstream-*distributie
-
kapitaalgoederen
-
zakelijk reisverkeer
-
brandstof- en energie-activiteiten [ 49]
-
afval geproduceerd bij activiteiten
-
downstreamvervoer
-
einde-levensfase-verwerking verkochte producten
Uitstootconversies zijn gebaseerd op leveranciersspecifieke uitstootfactoren, indien beschikbaar, die 64% van de uitstoot uit gekochte goederen en diensten dekken. Wanneer uitstootconversies niet beschikbaar zijn van leveranciers en voor andere Scope 3-categorieën, zijn de gegevens gebaseerd op factoren gepubliceerd door Ecoinvent, GLEC, DEFRA (GHG Conversion Factors for Company Reporting) en ADEME (Base Empreinte®).
De volgende categorieën werden geïdentificeerd als niet van toepassing op Ontex: upstream geleasede activa, verwerking verkochte producten, gebruik verkochte producten, downstream geleasede activa, franchises en investeringen. Bovendien valt het woon-werkverkeer werknemers momenteel niet binnen de perimeter van de analyse. Hiervan is vastgesteld dat dit een niet-significante invloed heeft op de algemene resultaten (gebaseerd op de resultaten van de levenscyclusanalyse (LCA)).
[46] 'Een marktgebaseerde methode weerspiegelt de uitstoot van elektriciteit waarvoor bedrijven bewust hebben gekozen', Green House Gas Protocol Scope 2 Guidance.
[47] Een locatiegebaseerde methode weerspiegelt de gemiddelde uitstoot-intensiteit van netten waarop energieverbruik plaatsvindt', Green House Gas Protocol Scope 2 Guidance.
[48] Bij de benadering van operationele zeggenschap verwerkt een onderneming 100 procent van de broeikasgasuitstoot waarover ze operationele zeggenschap heeft. Dit houdt geen rekening met broeikasgasuitstoot uit activiteiten waarin zij een belang heeft, maar geen operationele zeggenschap', Corporate Value Chain (Scope 3) Accounting and Reporting Standard.
[49] Niet opgenomen in Scope 1 of 2.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Methodologie en aannames (vervolg)
Aannames en beperkingen
- Ontex geeft de voorkeur aan een op activiteiten gebaseerde benadering om Scope 3 uitstoot te berekenen, met een primaire focus op de belangrijkste categorieën (gekochte goederen en diensten, upstream-vervoer en -distributie, einde-levensfase-verwerking verkochte producten). Alleen om de uitstoot in de categorie kapitaalgoederen te evalueren werd een op uitgaven gebaseerde benadering gebruikt.
- Allocatie wordt waar mogelijk tot een minimum beperkt. Indien nodig wordt de voorkeur gegeven aan fysieke allocaties (bv. einde-levensfase-uitstoot) boven economische allocaties (bv. gekochte goederen en diensten en kapitaalgoederen). Coherentie van jaar tot jaar wordt gewaarborgd door dezelfde standaard uitstootfactoren te behouden, met periodieke updates om rekening te houden met significante wijzigingen. De biogene CO2-uitstoot van de verbranding of biodegradatie van biomassa binnen de upstream- en downstream-waardeketen worden momenteel niet afzonderlijk van bruto Scope 3 uitstoot gemonitord.
- De afgestoten sites (de Braziliaanse en Turkse activiteiten) zijn uitgesloten uit de informatie voor 2025 in deze sectie, aangezien hun impact beperkt is. Na de strategische heroriëntering en de desinvestering van deze activiteiten heeft Ontex zijn SBTi-doelstellingen opnieuw ingediend om de klimaatambities af te stemmen op de geactualiseerde footprint. Hierdoor werden de broeikasgasbasislijn van 2020 en de bijbehorende doelstellingen geactualiseerd, en werd de vergelijkende informatie herwerkt om consistentie in de voortgangsrapportering te waarborgen [50] .
Broeikasgasintensiteit per netto-omzet
De onderstaande tabel toont de broeikasgasintensiteit per netto-omzet.
| [ 51]Broeikasgasintensiteit per netto-omzetin tCO₂eq/miljoen € | 2024(herrekend) | 2025 | 2025/2024 |
|---|---|---|---|
| Totale broeikasgasuitstoot(marktagebaseerd) | 980 | 944 | -3% |
| Totale broeikasgasuitstoot(locatiegebaseerd) | 1.016 | 982 | -3% |
[50] In de duurzaamheidsverklaringen 2024 rapporteerde Ontex: Scope 1-broeikasgasuitstoot van 12.376 tCO₂eq voor 2023 en 12.748 tCO₂eq voor 2024, Scope 2-broeikasgasuitstoot (market-based) van 6.675 tCO₂eq voor 2023 en 7.300 tCO₂eq voor 2024, Scope 2-broeikasgasuitstoot (location-based) van 74.306 tCO₂eq voor 2023 en
SUS-3.1.8 Broeikasgasverwijderingen en projecten voor broeikasgasmitigatie gefinancierd uit carbon credits
Broeikasgasverwijderingen en -opslag binnen de activiteiten van Ontex of de upstream- en downstream-waardeketens zijn niet van toepassing.
SUS-3.1.9 Interne koolstofbeprijzing
Momenteel past Ontex geen regelingen voor interne koolstofbeprijzing toe. Hoewel interne koolstofbeprijzing een effectief instrument kan zijn om de kosten van koolstofuitstoot te integreren in de zakelijke besluitvorming, heeft de onderneming gekozen voor alternatieve strategieën om haar decarbonisatie-inspanningen kracht bij te zetten.
Deze strategieën geven prioriteit aan gerichte initiatieven om de uitstoot in de hele waardeketen te verminderen, met specifieke focus op meetbare reducties van Scope 1-, 2- en 3-uitstoot. Ontex zal de mogelijke integratie van interne koolstofbeprijzing in haar duurzaamheidsprogramma blijven evalueren als onderdeel van haar voortdurende evaluatie van tools die de naleving van de regelgeving en ambitieuze klimaatactie bevorderen.
Bij deze evaluatie wordt gekeken naar:
- het veranderende regelgevingslandschap;
- verwachtingen van belanghebbenden; en
- de doeltreffendheid van koolstofbeprijzingsmechanismen om de koolstofuitstoot verder te reduceren.
SUS-3.1.10 Beoogde financiële effecten van materiële fysieke en transitierisico's en potentiële klimaatkansen
Op basis van de klimaatrisicoanalyses van Ontex worden in 2026 geen significante financiële effecten van materiële fysieke risico's of transitierisico's verwacht. De huidige activiteiten en
79.978 tCO₂eq voor 2024, en Scope 3-broeikasgasuitstoot van 2.396.666 tCO₂eq voor 2023 en 2.437.459 tCO₂eq voor 2024.
[51] De totale netto-omzet wordt vermeld in deel SUS-3.1.6.
strategieën van Ontex zijn veerkrachtig met betrekking tot de voorzienbare klimaatimpact op korte termijn, waardoor de bedrijfscontinuïteit en de financiële stabiliteit verzekerd zijn. Daardoor is er op dit moment geen directe noodzaak om specifieke klimaatadaptatiedoelen vast te stellen
In de analyses wordt echter benadrukt dat er op langere termijn, met name na 2050, financiële effecten kunnen optreden naarmate de fysieke klimaatimpacts groter worden en de regelgeving en marktomstandigheden veranderen. Mogelijke financiële effecten zijn onder andere:
- hogere bedrijfskosten door grondstoffenschaarste;
- verschuivingen in de marktvraag als gevolg van de energietransitie; en
- vereiste investeringen in klimaatadaptatiemaatregelen.
Om onze klimaatveerkracht te garanderen, hebben we reeds een duurzaamheidsaanpak opgenomen in de bedrijfsmodellen van Ontex, met een focus op concurrerende en duurzame innovatie die met name transitierisico's aanpakt. Ontex blijft zich inzetten om de klimaatrisico's en -kansen op te volgen, klimaatveerkracht in de langetermijnplanning te integreren en de bedrijfsstrategieën proactief aan te passen om opkomende uitdagingen aan te gaan en kansen te grijpen in verband met de globale transitie naar een koolstofarme economie. De komende jaren zal Ontex haar adaptatie- en mitigatieplan verder uitwerken om minder kwetsbaar te worden en zich beter te kunnen aanpassen aan klimaatrisico's en deze beter te kunnen mitigeren.
SUS-3.2 ESRS E5: Materiaalgebruik en circulaire economie
SUS-3.2.1 Impact-, risico- en kansenmanagement
Beschrijving van de processen om voor materiaalgebruik en circulaire economie materiële impacts, risico's en kansen in kaart te brengen en te analyseren
Ontex verbindt zich ertoe de wereldwijde uitdagingen op het vlak van materiaalgebruik en circulariteit aan te gaan door duurzame praktijken in haar activiteiten te integreren. Aan de hand van een dubbele materialiteitsanalyse identificeert en evalueert de onderneming zowel financiële als ecologisch-sociale materiële impacts, risico's en kansen.
Het proces omvat:
- een screening van globale trends, ontwikkelingen in regelgeving en verwachtingen van belanghebbenden;
- overleg met leveranciers, klanten en consumenten om gebieden met een kritieke impact te identificeren; en
- een evaluatie van de milieu-impact van producten gedurende hun hele levenscyclus zodat de onderneming risico's zoals schaarste van grondstoffen en veranderingen in de regelgeving in kaart kan brengen, evenals kansen voor innovatie en circulair ontwerp.
Deze bevindingen worden geïntegreerd in de strategieën van Ontex om duurzaam in te kopen, afval beter te beheren en circulaire oplossingen te ontwikkelen. De onderneming breidt haar analyses uit over de hele waardeketen en richt zich daarbij op de impacts stroomop- en stroomafwaarts, vooral met betrekking tot plastic, afval en recycling. Regelmatig overleg met belanghebbenden garandeert inclusiviteit en levert waardevolle inzichten op om de benadering te verfijnen. Door circulariteit en duurzaamheid in haar activiteiten te integreren, wil Ontex haar koolstofvoetafdruk verkleinen, zich aanpassen aan nieuwe regelgevende kaders (zoals regelingen voor verlengde productaansprakelijkheid) en aanzetten tot een betekenisvolle verandering in de sector van persoonlijke hygiëne. De betrokken gemeenschappen worden benaderd via het due-diligenceprogramma van Ontex. Zie deel SUS-4.2.2 voor meer informatie*.*
SUS-3.2.2 Beleid ten aanzien van materiaalgebruik en circulaire economie
Ontex is zich bewust van de risico's die grondstoffenschaarste, prijsvolatiliteit en veranderende regelgeving meebrengen voor de bedrijfswerking en -kosten. Om deze risico's te beperken, zet de onderneming zich in om de principes van de circulaire economie op te nemen in haar Klimaat- en circulariteitsbeleid en Duurzaamheidsbeleid. Het Klimaat- en circulariteitsbeleid van Ontex integreert klimaatrisico's en risico's rond circulaire economie in het kader voor risicobeheer om de veerkracht en duurzaamheid te verbeteren. Tot de belangrijkste aandachtsgebieden behoren het versterken van de klimaatveerkracht om de bedrijfscontinuïteit te garanderen en het aanpakken van circulariteitsrisico's als gevolg van veranderingen in de regelgeving en de marktvraag (bv. einde-levensfase-uitdagingen van hygiëneproducten aangaan door gespecialiseerde recyclingoplossingen te ontwikkelen en de recycleerbaarheid van Ontex-verpakkingen garanderen). Het Klimaat- en circulariteitsbeleid baseert zich op de principes van de circulaire economie om afval te minimaliseren en materialen zo efficiënt mogelijk te benutten door voor producten en activiteiten recyclebare materialen en materialen gemaakt met hernieuwbare bronnen te gebruiken. Zie voor meer informatie 'Beleid ten aanzien van klimaatmitigatie en klimaatadaptatie' in deel SUS-3.1.3.
SUS-3.2.3 Beleid en middelen inzake materiaalgebruik en circulaire economie
Het streven naar circulariteit is een verbintenis die iedereen bij Ontex deelt. De afgelopen vijf jaar heeft de onderneming belangrijke mijlpalen bereikt, zo zijn we er onder meer in geslaagd onze luiers en incontinentieproducten 10% lichter te maken, als onderdeel van onze inspanningen om minder materialen te gebruiken zonder afbreuk te doen aan de prestaties. Deze vooruitgang bevestigt de toewijding van de onderneming om producten te innoveren, grondstoffen efficiënter te gebruiken en onze milieu-impact steeds te verbeteren. Andere belangrijke initiatieven zijn:
• Initiatieven rond ecolabels actief promoten, zodat marktspelers en consumenten kunnen bijdragen aan een circulaire economie. Ontex ondersteunt ook de invoering van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor absorberende hygiëneproducten in Frankrijk door lid te zijn van de raad van bestuur van de verantwoordelijke organisatie. Ontex wil de komende jaren een rol blijven spelen in het bestuur van deze organisatie, zodat de onderneming kan blijven bijdragen aan de inspanningen op het vlak van duurzaamheid en de ontwikkeling van een circulaire economie.
- Het versterken van het milieuprofiel van de verpakking van Ontex door het aandeel gerecycleerde inhoud te verhogen. In 2025 bereikte Ontex opnieuw een belangrijke mijlpaal door minstens 30% van de primaire plastic verpakkingen te vervaardigen met gerecycleerde of hernieuwbare inhoud, waarmee het zijn engagement om zijn doelstellingen te behalen en de circulaire economie te versterken verder onderstreept. De onderneming streeft ernaar bij te dragen aan een meer circulair en milieuvriendelijk verpakkingssysteem, met als doel een positieve impact te hebben op de volledige waardeketen door het aandeel primaire plastic verpakkingen met gerecycleerde of hernieuwbare inhoud tegen 2030 te verhogen tot 75%. Ontex stimuleert het gebruik van gerecycleerde materialen in primaire verpakking en maakt voor kartonnen verpakkingen nu al hoofdzakelijk gebruik van gerecycleerde materialen. Deze inspanningen worden voortgezet, met de ambitie om het aandeel gerecycleerde inhoud verder te verhogen en duurzame verpakkingspraktijken in de komende jaren verder uit te breiden.
- Materialen optimaliseren voor duurzaamheid, een streven dat weerspiegeld wordt in het gebruik van biogebaseerde en natuurlijke materialen in nieuwe producten. De onderneming volgt de voetafdruk van haar producten vanaf het ontwerp tot aan het einde van de levensduur, zodat in elke fase duurzame keuzes worden gemaakt. Door samen te werken met leveranciers kan de Onderneming de beste grondstoffen selecteren en zo ook haar klanten helpen om open te staan voor duurzaamheid. Deze benadering blijft een centraal aandachtspunt voor Ontex en versterkt haar engagement voor duurzame praktijken in de toekomst.
Ontex is een belangrijke partner voor haar retailermerken en institutionele klanten en ondersteunt de transitie naar duurzame producten en verpakkingen door kennis, tools en oplossingen te delen. Hoewel het tempo van deze transitie grotendeels wordt aangegeven door de vraag van de klant, zet Ontex zich actief in om de milieu-impact te verminderen via constructieve samenwerkingen in de hele waardeketen.
De geldbedragen voor de vereiste kapitaaluitgaven en operationele uitgaven om deze maatregelen in te voeren voor het huidige jaar, worden vermeld in deel SUS-3.3.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
SUS-3.2.4 Maatstaven en doelen
Doelen wat betreft materiaalgebruik en circulaire economie

Ontwikkeling van duurzame producten en verpakkingen
Verwijderen van fossielgebaseerde plastics uit onze producten en verpakkingen
2030 doelstellingen
-
30% tegen 2025 en 75% tegen 2030 van onze primaire plastic verpakkingen bevat gerecycled of hernieuwbaar materiaal
-
Tegen eind 2025 is al onze verpakking ontworpen om recyclebaar te zijn
-
Alle kartonnen verpakkingen bevatten 100% gerecycled materiaal
Samenwerkenvoor circulariteit
Deelnemen aan proefprojecten voor afvalbeheer aan het einde van de levensduur
Ontex zet zich in om een meer circulaire economie te bevorderen via een ruime en multidimensionale aanpak. Het bedrijf heeft ambitieuze doelstellingen vastgelegd op het vlak van grondstoffengebruik en circulariteit, waaronder 100% recycleerbare verpakking tegen 2025 en het integreren van alternatieve oplossingen om fossiel-gebaseerde materialen in de producten van het bedrijf te vervangen. In 2025 bereikte het bedrijf zijn eerste doelstelling met betrekking tot grondstoffen: minstens 30% gerecycleerde of hernieuwbare inhoud in plastic verpakkingen.
Bovendien werd bijna 100% van de verpakking ontworpen volgens de recyclagerichtlijnen52. Verpakkingen die niet aan deze richtlijnen voldoen, zijn het gevolg van specifieke klantbehoeften of bijzondere toepassingsvereisten, zoals siliconenhoudende zakjes of siliconenpapier. Ontex blijft zich inzetten om, in samenwerking met zijn klanten, te evolueren naar 100% recycleerbare verpakking.
Deze doelstellingen werden op vrijwillige basis ontwikkeld na een grondige evaluatie van best practices in de sector, mogelijkheden rond materiaalinnovatie en relevante regelgeving, om hun haalbaarheid en afstemming op wereldwijde doelstellingen voor een circulaire economie te verzekeren.
Samenwerking met stakeholders stond centraal in dit proces, via partnerschappen met leveranciers, klanten en experts uit de recyclage-industrie om doelstellingen te creëren die gedeelde prioriteiten en haalbare implementatiepaden weerspiegelen.
De ontwerpstrategie van Ontex focust op compatibiliteit met end-of-life oplossingen, waardoor de waarde en het nut van producten over hun volledige levenscyclus worden gemaximaliseerd en het gebruik van primaire grondstoffen wordt geminimaliseerd. Door stakeholders te betrekken in elke fase — van de aankoop van duurzame materialen tot het verbeteren van de recyclage-infrastructuur — stimuleert het bedrijf een meer inclusieve en effectieve overgang naar circulariteit, terwijl het innovatie bevordert en zijn ecologische voetafdruk verlaagt.
| Verwijderen van fossiel-gebaseerde plastics | Doelen | Voortgangrapportage | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| uit onze producten en verpakkingen | 2025 | 2030 | 2023 | 2024 | 2025 | ||
| 30% tegen 2025 en 75% tegen 2030 vanonze primaire plastic verpakkingen bevatgerecycled of hernieuwbaar materiaal | 30% | 75% | 20% | 29% | 40% | ||
| Tegen eind 2025 is al onze verpakkingontworpen om recyclebaar te zijn | 100% | 100% | 98% | 98% | 100% | ||
| Alle kartonnen verpakkingen bevatten 100%gerecycled materiaal | 100% | 97% | 92% | 94% |
[52] Voor plastic verpakkingen volgt Ontex de CEFLEX Flexible Guidelines. Voor vezelgebaseerde verpakkingen volgt Ontex de 4evergreen 'Circularity by design guidelines for fiber-based packaging'.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
In het kader van zijn initiatieven rond de circulaire economie maakt Ontex gebruik van hernieuwbare grondstoffen, zoals pulp en katoen. Omdat het bedrijf erkent dat deze hernieuwbare materialen grondstoffen zijn met een hoge impact, werden aanvullende zorgvuldigheidsmaatregelen ingevoerd. Ontex zorgt ervoor dat deze hernieuwbare materialen op een duurzame manier worden aangekocht, in lijn met het cascaderingsprincipe, dat gericht is op het efficiënt gebruik van hulpbronnen. Ontex streeft ernaar dat hout-gebaseerde grondstoffen uitsluitend uit gecertificeerde bronnen afkomstig zijn en dat katoen van biologische oorsprong is.
De doelstellingen van Ontex met betrekking tot de circulaire economie weerspiegelen het engagement van het bedrijf om zich te richten op duurzame materiaalinkoop, productontwerp dat recyclage mogelijk maakt en minimalisatie van afval, ter ondersteuning van de circulaire-economieprincipes zoals beschreven in verschillende beleidsdocumenten.
SUS-3.2.5 Materiaalinstromen
Voor Ontex bestaan de materiaalinstromen voornamelijk uit grondstoffen en producten, inclusief verpakkingsmateriaal, die gebruikt worden in de activiteiten en de upstreamwaardeketen van de onderneming. Belangrijke grondstoffen zijn verschillende polymeren, zoals polyethyleen en polypropyleen, maar ook absorberende materialen en andere componenten die cruciaal zijn voor de vervaardiging van producten voor persoonlijke hygiëne.
Ontex wil de recycleerbare en hernieuwbare inhoud van haar producten en verpakkingen verhogen om de impact op het milieu te beperken en de circulariteit te vergroten. Pulp, een hernieuwbare grondstof die wordt gebruikt bij de productie van absorberende hygiëneproducten, hoort hier ook bij en de materialen worden dan ook verantwoord ingekocht.
De onderstaande tabellen geven een gedetailleerd overzicht van de tijdens de verslagperiode gebruikte materialen.
Commissaris Informatie over dit rapport
| Materiaalinstromen | Voortgangrapportage | |
|---|---|---|
| in tons | 2024 | 2025 |
| Materialen in de productie (waaronder verpakking, pulp,polymeren en andere componenten) | 571.000 | 452.794 |
| [53]Materialen afkomstig uit gerecycleerde componenten | 34.000 | 36.298 |
| Materialen afkomstig uit biologische materialen | 287.000 | 235.035 |
| Materialen gecertificeerd volgens schema's zoalsFSC, PEFC,GOTS [54]ISCC+, REDcert2 en | 42% | 44% |
| Aandeel houtgebaseerde grondstoffen dat gecertificeerd isPEFC[54]doorFSC en | 94% | 93% |
| Aandeel katoengebaseerde grondstoffen dat gecertificeerd isdoor GOTS | - | 97% |
| Voortgangrapportage | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| [ 55]Duurzame producten | 2023 | 2024 | 2025 | 2025/2024 | ||||||
| Gerecycleerde inhoud in product | 0% | 0% | 0% | 0 pp | ||||||
| Gerecycleerde inhoud in plasticverpakkingen [ 56] | 10% | 13% | 18% | +5 pp | ||||||
| Primaire plastic verpakking metgerecycleerde inhoud [ 57] | 20% | 29% | 40% | +11 pp | ||||||
| Gerecycleerde inhoud in papieren[ 58]en kartonnen verpakkingen | 97 | 92 | 94 | +2 pp |
[53] Door een methodefout in de conversiefactoren in het voorbije jaar, werd het getal voor 2024 verfijnd.
[56] Berekend als het totale gewicht van gerecycled materiaal / totale gewicht van plastic verpakkingen.
- [57] Berekend als het totale gewicht van plastic verpakkingen met gerecyclede inhoud / totale gewicht van plastic verpakkingen.
- [58] Ontex heeft beperkingen in de directe benadering van klant- en leverancierspecifieke gegevens voor zijn Russische entiteit als gevolg van Europese sancties. Echter, de rapportage in dit CSRD-rapport, inclusief de Russische activiteiten, zijn gebaseerd op onze uitgebreide managementaanpak, die het engagement voor werknemers in de waardeketen, consumenten en eindgebruikers, en de algemene bedrijfsvoering omvat.
[54] PEFC (PEFC/07-32-261)/FSC® (FSC-C081844)
[55] De methodologieën die worden gebruikt om de gegevens over de instroom van hulpbronnen bij Ontex te berekenen, zijn gebaseerd op directe metingen van productiematerialen binnen de operaties. Voor gerecyclede inhoud worden gegevens van leveranciers gebruikt om een nauwkeurige boekhouding van gerecyclede materialen te garanderen. Voor materialen van hernieuwbare oorsprong wordt traceerbaarheid gewaarborgd via inkoopinformatie, waarbij certificeringen zoals FSC, PEFC en GOTS bevestigen dat de materialen duurzaam worden ingekocht.[
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
SUS-3.2.6 Materiaaluitstromen
Ontex' kernproducten, zoals babyverzorging (luiers en broekjes), vrouwelijke hygiëneproducten en incontinentieproducten voor volwassenen, worden ontworpen met een focus op circulaire principes, vooral wat betreft de verpakking.
Ondanks dat de producten zelf bedoeld zijn voor eenmalig gebruik en ontworpen zijn om slechts enkele uren gebruikt te worden voor ze worden weggegooid, lenen ze zich niet voor hergebruik, herstel, demontage, remanufacturing of refurbishing. Ontex werkt eraan om de hoeveelheid materiaal per product te verminderen door de dikte te verlagen. Het bedrijf zorgt er ook voor dat de verpakking na gebruik effectief gerecycleerd kan worden. Zo worden er geen gelamineerde zakken meer gebruikt. Daarnaast staat het bedrijf te popelen om nieuwe recyclagetechnologieën voor zijn producten te testen, aangezien er momenteel geen technische of economisch haalbare oplossingen bestaan.
De verpakkingen van Ontex, zowel plastic zakken als kartonnen dozen, zijn ontworpen om gerecycled te worden. Het succes van recyclage hangt echter af van de doeltreffendheid van de lokale afvalophaling in de landen waar de verpakkingen gebruikt worden.
| [ 59]Recycleerbare inhoud | Voortgangrapportage | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2023 | 2024 | 2025 | 2025/2024 | ||||||||
| Recycleerbare inhoudin producten | 0 | 0 | 0 | 0 pp | |||||||
| Recycleerbare inhoudin productverpakking | 98% | 98% | 100% | +2 pp |
In de zoektocht naar operationele excellentie werkt het bedrijf actief aan het minimaliseren van de hoeveelheid afval die in zijn activiteiten wordt gegenereerd, voornamelijk bestaande uit plasticafval, karton en textiel. Hoewel dit geen materieel onderwerp is, geeft Ontex hieronder vrijwillig de cijfers over productieafval vrij.
[59] Aangezien er momenteel geen technisch of economisch haalbare oplossingen bestaan om haar producten te recycleren, gaat Ontex uit van 0% recyclebare inhoud in haar producten. Voor verpakkingen analyseert de onderneming de criteria voor relevante normen en leeft dan alle noodzakelijke vereisten na.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| [60][61]Productie-afval | 2023 | 2024 | ||
|---|---|---|---|---|
| in ton | (herrekend) | (herrekend) | 2025 | 2025/ 2024 |
| Gevaarlijk afval dat niet werd afgevoerd wegens voorbereiding voor hergebruik | 0 | 0 | 0 | 0% |
| Gevaarlijk afval dat niet werd afgevoerd wegens recycling | 98 | 118 | 155 | 31% |
| Gevaarlijk afval dat niet werd afgevoerd wegens andere terugwinningsactiviteiten | 0 | 0 | 0 | 0% |
| Gevaarlijk afval dat niet werd afgevoerd | 98 | 118 | 155 | 31% |
| Niet-gevaarlijk afval dat niet werd afgevoerd wegens voorbereiding voor hergebruik | 735 | 1.340 | 1.931 | 44% |
| Niet-gevaarlijk afval dat niet werd afgevoerd wegens recycling | 22.089 | 23.829 | 22.069 | -7% |
| Niet-gevaarlijk afval dat niet werd afgevoerd wegens andere terugwinningsactiviteiten | 0 | 0 | 0 | 0% |
| Niet-gevaarlijk afval dat niet werd afgevoerd | 22.824 | 25.170 | 24.000 | -5% |
| Gevaarlijk afval afgevoerd voor verbranding | 7 | 18 | 21 | 17% |
| Gevaarlijk afval afgevoerd naar stortplaatsen | 0 | 1 | 0 | -100% |
| Gevaarlijk afval afgevoerd via andere verwijderingsmethodes | 17 | 16 | 15 | -6% |
| Gevaarlijk afval dat werd afgevoerd | 24 | 34 | 36 | 6% |
| Niet-gevaarlijk afval afgevoerd voor verbranding | 2.439 | 3.028 | 8.176 | 170% |
| Niet-gevaarlijk afval afgevoerd naar stortplaatsen | 2.513 | 2.446 | 739 | -70% |
| Niet-gevaarlijk afval afgevoerd via andere verwijderingsmethodes | 281 | 255 | 213 | -16% |
| Niet-gevaarlijk afval dat werd afgevoerd | 5.234 | 5.728 | 9.128 | 59% |
| Totaal geproduceerd afval: | 28.180 | 31.049 | 33.318 | 7% |
| Totale hoeveelheid afval die niet werd afgevoerd | 5.258 | 5.762 | 9.163 | 59% |
| Niet-gerecycleerd afval (%) | 19% | 19% | 27% | + 8 pp |
| Totale hoeveelheid afval die werd afgevoerd | 22.922 | 25.287 | 24.155 | -4% |
| Totale hoeveelheid gevaarlijk afval | 123 | 152 | 190 | 25% |
| Totale hoeveelheid radioactief afval | 0 | 0 | 0 | 0% |
[60] Productieafval wordt rechtstreeks gerapporteerd door de fabrieken van de onderneming op basis van diverse criteria zoals afvaltype (bv. plastic, metalen), afvalclassificatie (gevaarlijk of niet-gevaarlijk), de geproduceerde hoeveelheid en de verwerkingsmethoden die worden toegepast op elke afvalstroom.
[61] In de duurzaamheidsverklaringen 2024 rapporteerde Ontex: in totaal 34.873 ton gegenereerd afval in 2023 en 33.549 ton in 2024; een totale hoeveelheid afval bestemd voor verwijdering van 5.386 ton in 2023 en 5.945 ton in 2024; en een totale hoeveelheid afval omgeleid van verwijdering van 29.485 ton in 2023 en 27.605 ton in 2024.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen Verslagen van de
SUS-3.3 Rapportages overeenkomstig artikel 8 van Verordening 2020/852 (Taxonomieverordening)
SUS-3.3.1 Kernactiviteiten - Taxonomie - niet in aanmerking komend
De Taxonomieverordening is een belangrijk onderdeel van het actieplan van de Europese Commissie om kapitaalstromen om te buigen naar een duurzamere economie. Het is een belangrijke stap op weg naar koolstofneutraliteit in 2050, in lijn met de EU-doelstellingen, omdat de Taxonomie een classificatiesysteem voor ecologisch duurzame economische activiteiten is.
Op grond van artikel 8, lid 2, van Verordening (EU) 2020/852, moeten niet-financiële ondernemingen informatie verstrekken over de kritieke maatstaven (KPI's) met betrekking tot het aandeel van hun omzet uit ecologisch duurzame economische activiteiten ('op de Taxonomie afgestemde activiteiten') en het aandeel van hun kapitaaluitgaven en van hun operationele uitgaven in verband met activa of processen die verband houden met ecologisch duurzame economische activiteiten.
Zoals aangegeven in de Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2178, moeten niet-financiële ondernemingen informatie verstrekken over het aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende en op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in hun totale omzet, kapitaal- en operationele uitgaven en de kwalitatieve informatie voor rapportagejaar 2025, met inbegrip van vergelijkende cijfers voor geschiktheid.
SUS-3.3.2 Methodologie
Deze deel beschrijft de 'stap-voor-stap' methodologie die Ontex hanteert bij de beoordeling van de taxonomie-geschiktheid. Het proces bestaat uit drie hoofdfasen.
Stap 1: Van longlist naar medium list
Een screening van de volledige lijst met bestaande EUT-activiteiten, inclusief de 151 activiteiten die in de huidige versie van de EU Taxonomy Compass zijn opgenomen. Activiteiten die duidelijk
De afgestoten fabrieken (de activiteiten in Brazilië en Turkije) zijn uitgesloten van de informatie voor 2025 in deze deel, en de vergelijkende gegevens zijn herwerkt om consistentie en vergelijkbaarheid over de verschillende jaren te waarborgen. De vergelijkende informatie over afval voor 2024 werd geactualiseerd om gegevens op te nemen die eerder niet beschikbaar waren wegens vertraagde rapportage door derden. Aangezien de gegevensverzameling afhankelijk is van ad-hoc ophalingen van afval, kon de ontbrekende hoeveelheid niet worden geraamd of vooraf ingeschat. De cijfers zijn in dit verslag geïntegreerd om een volledig jaarlijks overzicht te waarborgen.
SUS-3.2.7 Beoogde financiële effecten van impacts, risico's en kansen wat betreft materiaalgebruik en circulaire economie
In dit stadium heeft het bedrijf ervoor gekozen om in het huidige verslag geen antwoord op deze vraag op te nemen.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
niet relevant zijn voor Ontex werden uitgesloten door ze te vergelijken met Ontex' kern- en nevenactiviteiten. Dit resulteerde in een medium list met 25 activiteiten.
Stap 2: Van medium list naar short list
Om de beoordeling te vergemakkelijken, werd een vragenlijst opgesteld. Op basis van de antwoorden van Ontex werd een short list met 13 activiteiten samengesteld. Deze lijst bevat EUT-activiteiten die door Ontex zelf of door een onderaannemer worden uitgevoerd.
Stap 3: Gedetailleerde analyse en identificatie van geschikte inkomsten, CapEx en OpEx
Een diepgaande beoordeling werd uitgevoerd op de overgebleven 13 EUT-activiteiten in de short list, met focus op:
- De titel en beschrijving van elke activiteit;
- Het al dan niet bestaan van een inkomstenstroom;
- Het al dan niet bestaan van gerelateerde CapEx en/of OpEx;
- Indien een inkomstenstroom, CapEx of OpEx werd geïdentificeerd, werd beoordeeld of er een specifieke financiële categorie bestond om de juiste financiële cijfers vast te stellen.
Een kernactiviteit omvat de primaire bedrijfsactiviteiten van Ontex, die de belangrijkste bron van inkomsten vormen en de fundamentele missie van het bedrijf bepalen. Ontex genereert het grootste deel van zijn inkomsten door de ontwikkeling, productie en distributie van persoonlijke verzorgingsproducten. Dit wordt als de kernactiviteit beschouwd, omdat het centraal staat in de bedrijfsstrategie en economische missie.
Een nevenactiviteit verwijst naar bedrijfsactiviteiten die secundair zijn aan de kernactiviteiten van Ontex, maar wel extra inkomsten genereren. Bijvoorbeeld, als Ontex overtollige elektriciteit uit zonne-energie verkoopt of een deel van zijn kantoorruimte verhuurt, worden deze als nevenactiviteiten beschouwd. Hoewel ze het bedrijf ondersteunen, zijn ze niet essentieel voor het primaire verdienmodel of de missie en zouden ze in de toekomst mogelijk kunnen worden uitbesteed.
Conclusie
Ontex genereert geen in aanmerking komende omzet uit zijn kern- of niet-kernactiviteiten bij de beoordeling van de huidige lijst van in aanmerking komende activiteiten onder de EU-taxonomie. Voor de andere indicatoren heeft Ontex drie activiteiten geïdentificeerd die in aanmerking komen voor CapEx (7.3, 7.4, 7.5) en vier voor OpEx (7.3, 7.4, 7.5, 8.2). In 2025 werden voor twee van de drie CapEx-activiteiten in aanmerking komende CapEx-bedragen gerapporteerd, terwijl voor de in aanmerking komende OpEx-activteiten geen significante OpEx-bedragen werden vastgesteld.
SUS-3.3.3 Grondslagen voor financiële verslaggeving
Ontex bepaalt de voor de taxonomie in aanmerking komende KPI's in overeenstemming met de wettelijke vereisten en beschrijft haar grondslag voor financiële verslaggeving in dat verband zoals hieronder uiteengezet.
KPI omzet - definitie
Het aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten in de totale omzet van Ontex (d.w.z. de geconsolideerde omzet zoals weergegeven in de geconsolideerde resultatenrekening van de Groep) wordt berekend als de omzet uit producten en diensten die verband houden met voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten (teller) gedeeld door de geconsolideerde omzet (noemer). De noemer van de KPI omzet is gebaseerd op de geconsolideerde omzet van de onderneming, in overeenstemming met IAS 1.82(a). Meer informatie over de grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot de geconsolideerde omzet wordt gegeven in toelichting FIN-4.1.12.
Wat de teller betreft en zoals hierboven uitgelegd, zijn er geen voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten geïdentificeerd.
De geconsolideerde omzet van Ontex kan worden afgestemd op de geconsolideerde jaarrekening, meer bepaald in deel FIN-3.2.
KPI kapitaaluitgaven - Definitie
De KPI kapitaaluitgaven wordt gedefinieerd als het aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende kapitaaluitgaven (teller) gedeeld door de totale kapitaaluitgaven van Ontex (noemer). Details met betrekking tot de teller worden hieronder gegeven.
De totale kapitaaluitgaven worden gedefinieerd als aankopen van materiële vaste activa (IAS 16) en immateriële activa (IAS 38) tijdens het boekjaar. Voor meer informatie over de grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot de kapitaaluitgaven van Ontex, verwijzen we naar toelichtingen FIN-4.1.6 en FIN-4.1.7.
De totale kapitaaluitgaven van Ontex kunnen worden afgestemd op de post 'Aankoop van materiële en immateriële vaste activa' in het geconsolideerde kasstroomoverzicht.
KPI operationele uitgaven - Definitie
De KPI operationele uitgaven wordt gedefinieerd als het aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende operationele uitgaven (teller) gedeeld door de totale operationele uitgaven van Ontex (noemer). Details met betrekking tot de teller worden hieronder gegeven.
De totale operationele uitgaven bestaan uit directe niet-gekapitaliseerde uitgaven die zijn gedaan om de lopende operationele kosten van de bedrijfsactiviteiten te dekken. Dit omvat onder meer uitgaven met betrekking tot niet-gekapitaliseerd onderzoek en ontwikkeling, leases met korte looptijd en lage waarde, onderhoud en reparaties, en alle overige directe uitgaven die verband houden met de dagelijkse instandhouding van vaste activa (dus materiële en immateriële vaste activa).
Directe kosten in verband met opleiding en andere HR-aanpassingen worden niet opgenomen in de noemer of de teller. Deze benadering stemt overeen met bijlage I bij artikel 8 van de Gedelegeerde Verordening, die deze kosten alleen opsomt voor de teller, wat een wiskundig zinvolle berekening van de KPI operationele uitgaven onmogelijk maakt.
Tabel aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten in de totale omzet (%)
| 2025 | Criteria voor substantiële bijdrage | DNSH-criteria ('geen ernstige afbreuk doen') | |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| mische activiteiten (1)Code(s) (2)mzet (3)EconoO | Criteria voor substantiëlemzet 2025 (4)Aandeel obijdrage | ie (6)maatadaptatWater (7)Kli | Verontreiniging (8) | mie (9)Circulaire econo | Biodiversiteit (10) | mitigatie (11)maatKli | maatadaptatie (12)Kli | Water (13) | Verontreiniging (14) | mie (15)Circulaire econo | Biodiversiteit (16) | mgaranties (17)muMini | merkingmie afgemzet, 2023 (18)mde (A.1.) of ervoor in aanAandeel van op taxonomende (A.2.) osteko | Categorie faciliterende activiteit (19) | Categorie transitie-ondersteunendeactiviteit (20) |
| mln€ | NiakY/N/iak% | NiakY/N/Y/N/iakiak | NiakNiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | E | T |
| AVoor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | |||||||||||||||
| Ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op de taxonomie)A.1 | |||||||||||||||
| Geen economische activiteiten | |||||||||||||||
| Omzet van ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op de taxonomie)-(A.1) | 0% | 0% | |||||||||||||
| waarvan faciliterende- | 0% | 0% | |||||||||||||
| waarvan transitie-ondersteunend- | 0% | 0% | |||||||||||||
| A.2Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op de taxonomie afgestemde activiteiten) | |||||||||||||||
| Geen economische activiteiten | |||||||||||||||
| Omzet van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet-duurzame activiteiten (niet op detaxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 0% | 0% | |||||||||||||
| Omzet van voor de taxonomie inaanmerking komende activiteiten-(A.1 + A.2) | 0%0% | 0% | 0%0% | 0% | 0% | - | - | - | - | - | - | - | 0% | ||
| BNiet door de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | |||||||||||||||
| Omzet van niet voor de taxonomie in1.761,6aanmerking komende activiteiten (B) | 100% | 100% | |||||||||||||
| Totaal (A+B)1.761,6 | 100% |
Tabel aandeel kapitaaluitgaven van producten of diensten die verband houden met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in 2025
| 2025 | Criteria voor substantiële bijdrage | DNSH-criteria ('geen ernstige afbreuk doen') | mde | |||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| mische activiteiten (1)Code(s) (2)Econo | Kapitaaluitgaven 2025 (3) | Aandeel kapitaaluitgaven 2025 (4) | mitigatie (5)maatKli | maatadaptatie (6)Kli | Water (7) | Verontreiniging (8) | mie (9)Circulaire econo | Biodiversiteit (10) | mitigatie (11)maatKli | maatadaptatie (12)Kli | Water (13) | Verontreiniging (14) | mie (15)Circulaire econo | Biodiversiteit (16) | mgaranties (17)muMini | mende (A.2.) kapitaaluitgaven, 2023 (18)mie afgestemerking koAandeel van op taxono(A.1.) of ervoor in aan | Categorie faciliterende activiteit (19) | Categorie transitie-ondersteunendeactiviteit (20) |
| mln€ | % | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | E | T | |
| AVoor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | ||||||||||||||||||
| A.1Ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op de taxonomie) | ||||||||||||||||||
| Geen economische activiteiten | ||||||||||||||||||
| Kapitaaluitgaven van ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op detaxonomie) (A.1) | - | 0% | 0% | |||||||||||||||
| waarvan faciliterende | - | 0% | 0% | |||||||||||||||
| waarvan transitie-ondersteunend | - | 0% | 0% | |||||||||||||||
| A.2Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op de taxonomie afgestemde activiteiten) | ||||||||||||||||||
| Installatie, onderhoud enKMreparatie van energie7.3efficiëntieapparatuur | 0,66 | 0,81% | iak | Niak | Niak | Niak | Niak | Niak | 0.87% | |||||||||
| Installatie, onderhoud enreparatie van oplaadstationsvoor elektrische voertuigen inKMgebouwen (en parkeerruimten7.4die aan gebouwen zijngekoppeld) | 0,14 | 0,17% | iak | Niak | Niak | Niak | Niak | Niak | 0.004% |
| Strategisch | Verklaring inzake Deugdelijk | Geconsolideerde | Verslagen van de | ||
|---|---|---|---|---|---|
| rapport | Bestuur | Jaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Commissaris | Informatie over dit rapport |
| 2025 | Criteria voor substantiële bijdrage | DNSH-criteria ('geen ernstige afbreuk doen') | mde | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| mische activiteiten (1)Econo | Code(s) (2) | Kapitaaluitgaven 2025 (3) | Aandeel kapitaaluitgaven 2025 (4) | mitigatie (5)maatKli | maatadaptatie (6)Kli | Water (7) | Verontreiniging (8) | mie (9)Circulaire econo | Biodiversiteit (10) | mitigatie (11)maatKli | maatadaptatie (12)Kli | Water (13) | Verontreiniging (14) | mie (15)Circulaire econo | Biodiversiteit (16) | mgaranties (17)muMini | mende (A.2.) kapitaaluitgaven, 2023 (18)mie afgestemerking koAandeel van op taxono(A.1.) of ervoor in aan | Categorie faciliterende activiteit (19) | Categorie transitie-ondersteunendeactiviteit (20) |
| mln€ | % | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | E | T | ||
| Installatie, onderhoud enreparatie van instrumenten enapparaten voor het meten,regelen en controleren van deenergieprestaties vangebouwen. | KM7.5 | 0 | 0% | iak | Niak | Niak | Niak | Niak | Niak | 0.005% | |||||||||
| Kapitaaluitgaven van voor detaxonomie in aanmerking komende,maar ecologisch niet duurzameactiviteiten (niet op de taxonomieafgestemde activiteiten) (A.2) | 0,80 | 0,98% | 0,98% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0.88% | ||||||||||
| Kapitaaluitgaven van voor de taxonomie in aanmerking komendeactiviteiten (A.1 + A.2) | 0,80 | 0,98% | 0,98% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | - | - | - | - | - | - | - | 0.88% | |||
| BNiet door de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | |||||||||||||||||||
| Kapitaaluitgaven van niet voor detaxonomie in aanmerking komendeactiviteiten (B) | 80,21 | 99,02% | 99.12% | ||||||||||||||||
| Totaal (A+B) | 81 | 100% |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Tabel aandeel operationele uitgaven van producten of diensten die verband houden met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten
| 2025 | Criteria voor substantiële bijdrage | DNSH-criteria ('geen ernstige afbreuk doen') | mde | |||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| mische activiteiten (1)Code(s) (2)Econo | Operationele uitgaven (3) | Aandeel operationele uitgaven 2025 (4) | mitigatie (5)maatKli | maatadaptatie (6)Kli | Water (7) | Verontreiniging (8) | mie (9)Circulaire econo | Biodiversiteit (10) | mitigatie (11)maatKli | maatadaptatie (12)Kli | Water (13) | Verontreiniging (14) | mie (15)Circulaire econo | Biodiversiteit (16) | mgaranties (17)muMini | mende(A.2.) operationele uitgaven, 2023 (18)mie afgestemerking koAandeel van op taxono(A.1.) of ervoor in aan | Categorie faciliterende activiteit (19) | Categorie transitie-ondersteunendeactiviteit (20) |
| mln€ | % | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | E | T | |
| AVoor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | ||||||||||||||||||
| A.1Ecologisch duurzame activiteiten (afgestemd op de taxonomie) | ||||||||||||||||||
| Geen economische activiteiten | ||||||||||||||||||
| Operationele Uitgaven van ecologischduurzame activiteiten (afgestemd op detaxonomie) (A.1) | - | 0% | 0% | |||||||||||||||
| waarvan faciliterende | - | 0% | 0% | |||||||||||||||
| waarvan transitie-ondersteunend | - | 0% | 0% | |||||||||||||||
| A.2Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten | (niet op de taxonomie afgestemde activiteiten) | |||||||||||||||||
| Geen economische activiteiten | ||||||||||||||||||
| Operationele Uitgaven van voor detaxonomie in aanmerking komende,maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op de taxonomieafgestemde activiteiten) (A.2) | - | 0% | 0% | |||||||||||||||
| Operationele Uitgaven van voor detaxonomie in aanmerking komendeactiviteiten (A.1 + A.2) | - | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | - | - | - | - | - | - | - |
| Strategischrapport | Bestuur | Verklaring inzake Deugdelijk | GeconsolideerdeJaarrekening | Verslagen van deDuurzaamheidsverklaringenCommissaris | Informatie over dit rapport | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | Criteria voor substantiële bijdrage | DNSH-criteria ('geen ernstige afbreuk doen') | mendemde | ||||||||||||||||
| mische activiteiten (1)Econo | Code(s) (2) | Operationele uitgaven (3) | Aandeel operationele uitgaven 2025 (4) | mitigatie (5)maatKli | maatadaptatie (6)Kli | Water (7) | Verontreiniging (8) | mie (9)Circulaire econo | Biodiversiteit (10) | mitigatie (11)maatKli | maatadaptatie (12)Kli | Water (13) | Verontreiniging (14) | mie (15)Circulaire econo | Biodiversiteit (16) | mgaranties (17)muMini | (A.2.) operationele uitgaven, 2023 (18)mie afgestemerking koAandeel van op taxono(A.1.) of ervoor in aan | Categorie faciliterende activiteit (19) | Categorie transitie-ondersteunendeactiviteit (20) |
| mln€ | % | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | NiakY/N/iak | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | E | T | ||
| BNiet door de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | |||||||||||||||||||
| Operationele Uitgaven van niet voor detaxonomie in aanmerking komendeactiviteiten (B) | 115,2 | 100% | 100% | ||||||||||||||||
| Totaal (A+B) | 115,2 | 100% |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Nucleaire & fossiele gasgerelateerde activiteiten
Ontex houdt zich niet bezig met, financiert niet en heeft geen blootstelling aan nucleaire energie- of gasgerelateerde activiteiten zoals gedefinieerd in de onderstaande tabellen.
| Nucleaire enfossiele gasgerelateerde activiteiten | Ja/Nee |
|---|---|
| Nucleaire energie gerelateerde activiteiten | |
| De onderneming voert uit, financiert of heeft blootstelling aan onderzoek, ontwikkeling, demonstratie en inzet van innovatieve elektriciteitsopwekkingsinstallaties die energieproduceren uit nucleaire processen met minimale afvalproductie tijdens de brandstofcyclus. | Nee |
| De onderneming voert uit, financiert of heeft blootstelling aan de bouw en veilige exploitatie van nieuwe nucleaire installaties voor de productie van elektriciteit ofproceswarmte, inclusief voor stadsverwarming of industriële processen zoals waterstofproductie, evenals de bijbehorende veiligheidsverbeteringen, met gebruik van de bestbeschikbare technologieën. | Nee |
| De onderneming voert uit, financiert of heeft blootstelling aan de veilige exploitatie van bestaande nucleaire installaties die elektriciteit of proceswarmte produceren, inclusiefvoor stadsverwarming of industriële processen zoals waterstofproductie uit kernenergie, evenals de bijbehorende veiligheidsverbeteringen. | Nee |
| Fossiele gasgerelateerde activiteiten | |
| De onderneming voert uit, financiert of heeft blootstelling aan de bouw of exploitatie van elektriciteitsopwekkingsinstallaties die elektriciteit produceren met fossiele gasvormigebrandstoffen. | Nee |
| De onderneming voert uit, financiert of heeft blootstelling aan de bouw, renovatie en exploitatie van gecombineerde warmte-/koel-en elektriciteitsopwekkingsinstallaties metfossiele gasvormige brandstoffen. | Nee |
| De onderneming voert uit, financiert of heeft blootstelling aan de bouw, renovatie en exploitatie van warmteopwekkingsinstallaties die warmte/koeling produceren met fossielegasvormige brandstoffen. | Nee |
SUS-4 Sociale informatie
SUS-4.1 ESRS S1: Eigen personeel
SUS-4.1.1 Belangen en opvattingen van belanghebbenden
De werknemers van Ontex behoren tot onze belangrijkste belanghebbenden. De onderneming weet hoe belangrijk het is om naar hen te luisteren, met hen te overleggen en hun mening in overweging te nemen. Ontex is ervan overtuigd dat een fantastische werkplek creëren een kwestie van samenwerking is en dat kan alleen met de input en feedback van haar werknemers. Daarom zoekt Ontex voortdurend naar manieren om meer inzichten te verzamelen en zet aan tot een transparante dialoog met alle werknemers. Dit is een essentiële voorwaarde om haar strategie met succes en op lange termijn te kunnen doorvoeren.
De verschillende manieren waarop de onderneming overlegt met haar personeel worden beschreven in deel SUS-4.1.4.
SUS-4.1.2 Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met de strategie en het businessmodel van Ontex
De materiële impacts, risico's en kansen in verband met het eigen personeel van Ontex
Een verantwoordelijke en zorgzame werkgever zijn en focussen op ethische en duurzame praktijken is een topprioriteit in de duurzaamheidsstrategie van Ontex. Deze benadering heeft een wijdverspreide impact op haar personeel en helpt de onderneming rechtstreeks om haar strategie te realiseren. Ontex is zich bewust van de enorme invloed die de onderneming heeft op het welzijn van haar werknemers en niet-werknemers.
• Werknemers: het kernpersoneel wordt rechtstreeks door Ontex tewerkgesteld en werkt op diverse locaties om de dagelijkse activiteiten en algemene bedrijfsdoelstellingen te ondersteunen.
• Niet-werknemers: dit zijn mensen die in de faciliteiten van Ontex werken, maar niet rechtstreeks in dienst zijn van de onderneming. Hieronder vallen ook zelfstandigen of mensen die via externe uitzendbureaus in dienst zijn genomen.
Ontex verbindt zich er onvoorwaardelijk toe de mensenrechten van haar eigen personeel te respecteren en te bevorderen. Dit omvat solide systemen om risico's op het gebied van mensenrechten te identificeren, beperken en aan te pakken, en om een eerlijke behandeling, veilige werkomstandigheden en gelijke kansen voor iedereen te garanderen.
Diversiteit, gelijkheid en inclusie (DEI) vormen een belangrijk element in de duurzaamheidsstrategie van Ontex om een bloeiende, innovatieve en toekomstgerichte werkplek te creëren. Door haar DEI-beleid in te voeren, ondersteunt de onderneming ondervertegenwoordigde groepen door hen gelijke toegang te bieden tot carrièremogelijkheden, eerlijke compensatie en professionele groei. Via deze inspanningen kunnen we individuen empoweren en tegelijk ook onze organisatie versterken door een cultuur van inclusiviteit en saamhorigheid te bevorderen. Als verantwoordelijke en zorgzame werkgever, kan Ontex toptalent aantrekken en een geëngageerd, loyaal en hecht team samenstellen dat terecht trots is op het werk dat ze doen.
Deze benadering onderbouwt ook de bijdrage van Ontex aan sociale kwesties, zoals respect voor de mensenrechten, de strijd tegen armoede, de bevordering van een goede gezondheid en welzijn, de toegang tot waardig werk en de ondersteuning van gendergelijkheid. De toewijding van Ontex aan haar personeel leidt tot succes op lange termijn en zo kan de onderneming ook een positieve impact hebben op de gemeenschappen waarin ze actief is.
In het kader van haar dubbele materialiteitsanalyse en Enterprise Risk Management-processen evalueert Ontex regelmatig de risico's op mogelijk negatieve impacts, zoals arbeidsongevallen of optimalisering van activa, die leiden tot inkrimping, sluiting of afstoting van bepaalde activiteiten of fabrieken. De onderneming grijpt proactief in om deze risico's te beperken of de impact ervan te minimaliseren. Dergelijke negatieve impacts zijn meestal beperkt en niet systemisch, maar hebben eerder betrekking op individuele incidenten of blijven beperkt tot een bepaald land of een bepaalde fabriek.
Klimaatrisico's koppelen aan veerkracht van werknemers
De toenemende frequentie en intensiteit van fysieke klimaatrisico's, zoals overstromingen en hittegolven, kunnen een aanzienlijke impact hebben op het welzijn en de productiviteit van de werknemers van Ontex. Zoals benadrukt in het klimaattransitieplan van de onderneming, zullen deze risico's op lange termijn wellicht toenemen, vandaar het belang om maatregelen te nemen.
De bedrijfsstrategie van Ontex
De bedrijfsstrategie van Ontex steunt op drie factoren voor waardecreatie: zakelijke expansie, competitieve en duurzame innovatie en best-in-class operationele bedrijfsvoering. Dat Ontex kan focussen op de uitvoering van haar strategie, heeft de onderneming te danken aan haar mensen en haar cultuur. De verbintenissen in de duurzaamheidsstrategie van Ontex zijn volledig afgestemd op de bedrijfsstrategie.
Daarnaast heeft Ontex een personeelsstrategie uitgewerkt om een positieve en op samenwerking gerichte cultuur te bevorderen, waarin iedereen zijn rol begrijpt en erkend wordt voor zijn cruciale bijdrage. Uiteindelijk zijn het onze mensen die het succes van de transformatie van Ontex bepalen.
Meer informatie over de bedrijfsstrategie van Ontex vindt u in het strategisch verslag 'Onze weg uitstippelen'.

De personeelsstrategie van Ontex
De personeelsstrategie van Ontex wil in de eerste plaats de juiste omstandigheden creëren zodat onze werknemers zich bij Ontex kunnen ontplooien en optimaal kunnen presteren. Enkele belangrijke elementen van deze strategie: de band tussen Ontex en haar werknemers versterken, onze bedrijfscultuur voortdurend versterken en de P.R.I.D.E.-waarden volledig verankeren in de organisatie. In alle sites - kantoren, productiefaciliteiten en Global Excellence Centers - tracht Ontex een positieve en respectvolle werkplek te creëren waar iedereen zijn stem kan laten horen en waar alle ideeën welkom zijn. Ontex geeft prioriteit aan fysieke veiligheid en bevordert mentaal welzijn.
Om deze focus op doelgerichtheid en cultuur te ondersteunen, werkt Ontex als een efficiënte en prestatiegerichte organisatie die haar medewerkers bekrachtigt. De groep wil het juiste talent op het juiste moment inzetten in de juiste functie en tegelijk investeren in leiderschapsontwikkeling en de ontwikkeling van vaardigheden op het gebied van personeelen teambeheer. Werknemers worden aangemoedigd om hun opleiding en ontwikkeling zelf in handen te nemen, met de nodige steun om hun ontwikkelingsdoelstellingen te definiëren en te verwezenlijken en om hun carrièrekansen binnen Ontex te grijpen.
Ontex moedigt ook een cultuur van erkenning aan door niet-financiële beloningen en eerlijke, competitieve vergoedingspakketten aan te bieden en door collectieve successen te vieren. Vooruitgang wordt gemeten en maatregelen worden gebaseerd op datagestuurde inzichten. Bovendien tracht Ontex voortdurend om haar werknemers een nog betere ervaring te bieden door de processen te verbeteren en goede operationele HR-diensten aan te bieden.
In alle aspecten van haar personeelsstrategie tracht Ontex om de kansen te benutten die alleen een geëngageerd en veerkrachtig personeelsbestand kan bieden en om haar reputatie als verantwoordelijke werkgever hoog te houden.
De personeelsstrategie van Ontex is zonder onderscheid van toepassing op alle personeelsleden. Door de aard van hun functie kunnen sommige groepen echter een verschillende toegang hebben tot de kansen die de onderneming biedt. Zo zijn hybride werkstelsels bijvoorbeeld vlotter toegankelijk voor kantoormedewerkers dan voor productiemedewerkers. Het zou ook kunnen dat niet-werknemers niet deelnemen aan dezelfde prestatie- en talentbeoordelingsprocessen als de werknemers van Ontex, gezien de tijdelijke aard van hun functie. Ontex blijft zich bewust van die verschillen en houdt hier rekening mee bij de periodieke herziening van de People Strategy.
SUS-4.1.3 Beleid ten aanzien van eigen personeel
Om de materiële impacts op Ontex' eigen personeel en de daarmee verbonden materiële risico's en kansen te beheren, werden de volgende beleidsregels ingevoerd:
| Beleid | Doel | Impacts, risico's en kansen | Perimeter |
|---|---|---|---|
| Personeelsbeleid | •De verbintenis beschrijven van Ontex om de mensenrechten tebeschermen, een eerlijke behandeling van alle werknemers te garanderenen een werkomgeving te creëren waar de inbreng van werknemers wordtgerespecteerd en gewaardeerd. | •Arbeidsomstandigheden (werktijden, leefbaar loon,sociale dialoog, vrijheid van vereniging en collectieveonderhandelingen, privacy)•Opleiding en ontwikkeling van vaardigheden | Alle werknemers en nietwerknemers in het personeelsbestand van Ontex. |
| •Materiële risico's en kansen in kaart brengen en beperken die specifiek zijnvoor het eigen personeel van Ontex. | •Diversiteit | ||
| Mensen | •Inzet voor mensenrechten: de bedrijfspraktijken van Ontex afstemmen op | •Diversiteit | Alle werknemers en niet |
| rechtenbeleid | internationale normen, zoals de UN Guiding Principles on Business and HumanRights, om de waardigheid en rechten van alle individuen te vrijwaren. | •Maatregelen tegen geweld en intimidatie op het werk•Vrijheid van vereniging en collectieve | werknemers in het personeelsbestand van Ontex |
| •Identificatie, preventie, beperking en herstel van negatieve impacts: de | onderhandelingen | ||
| risico's en impacts voor de mensenrechten in alle activiteiten enwaardeketens van Ontex proactief identificeren, beoordelen en aanpakken. | •Kinderarbeid en jonge werknemers | ||
| Dit houdt ook in dat we prioriteit geven aande ernstigste problemen, zoals | •Gedwongen arbeid en moderne slavernij | ||
| mensenhandel, gedwongen of verplichte arbeid en kinderarbeid. | •Gezondheid en veiligheid | ||
| •Bevordering van ethische praktijken en verantwoordelijkheid. | •Eerlijke lonen | ||
| •Overleg met mensenrechten-en stakeholdergroepen | •Gegevensbescherming en privacy | ||
| •Impact op de gemeenschap | |||
| •Gezonde omgeving | |||
| Ethische | •De verbintenis van Ontex beschrijven om op een ethische en verantwoorde | •Antidiscriminatie | Alle werknemers en zakenpartners |
| gedragscode | manier zaken te doen. | •Anti-intimidatie | |
| (hoofdstukArbeids | •Professioneel gedrag | ||
| omstandig | •Gezondheid en veiligheid | ||
| heden) | •Mensenrechten |
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Beleid | Doel | Impacts, risico's en kansen | Perimeter |
|---|---|---|---|
| Duurzaamheidsbeleid | •Dit beleid schetst een algemeen kader om duurzaamheid te integreren inalle activiteiten van Ontex. Het beschrijft drie belangrijke verbintenissen:naleving van duurzaamheidsverplichtingen, naleving van een geïntegreerdebenadering inzake duurzaamheid, rekening houdend met belangen vanbelanghebbenden en potentiële risico's, evenals de focus van deonderneming op voortdurende verbetering en transparantie. | •Maatschappelijke verantwoordelijkheid: mensenrechten, verantwoordelijke werkgever, veiligheid vanconsumenten en eindgebruikers en maatschappelijkeimpact•Verantwoordelijkheid voor het milieu: duurzameproducten en verpakkingen, koolstofuitstoot•Ethiek en transparantie•Gezondheid & veiligheid | Alle werknemers |
| Beleid inzakediversiteit, | •Een streven naar diversiteit, gelijkheid en inclusie (DEI) verankeren in allewerkpraktijken binnen de organisatie. | •Gendergelijkheid en gelijkwaardig werk voor gelijkeverloning | Alle Ontex-entiteiten, werknemers,zelfstandige aannemers, |
| gelijkheid eninclusie | •Een omgeving creëren waarin de unieke eigenschappen, standpunten enbijdragen van elk individu worden gerespecteerd, gewaardeerd en actiefaangemoedigd. | •Werkgelegenheid voor en inclusie van mensen meteen beperking•Maatregelen tegen geweld en intimidatie op de | consultants, stagiairs, tijdelijkepersoneelsleden die op de siteswerken en sollicitanten |
| •Een eerlijke behandeling en gelijke kansen garanderen voor allewerknemers, sollicitanten en belanghebbenden. | werkvloer.•Diversiteit. | ||
| •Duidelijke strategieën uittekenen om DEI in de hele onderneming tepromoten. | |||
| •Ongelijkheid actief bestrijden en discriminatie wereldwijd uitbannen op basisvan leeftijd, geslacht, nationaliteit, ras, huidskleur, etnische afkomst, seksuelegeaardheid, huwelijkse staat of partnerschap, religie, politieke overtuiging,taal, handicap ofenige andere status die wordt beschermd door wet-ofregelgeving op plaatsen waar de onderneming actief is. | |||
| Flexibel | •Algemene principes vastleggen voor hybride werkstelsels. | •Werk-privébalans | Alle werknemers |
| thuiswerkbeleid | •Een kader bieden voor de invoering van lokale hybride werkstelsels. | ||
| Speak Upbeleid | •De mogelijkheid bieden om potentiële inbreuken op de Ethischegedragscode van Ontex vertrouwelijk en anoniem te melden via eenklokkenluidersregeling. | •Inbreuken op de Ethische gedragscode.•Maatregelen tegen geweld en intimidatie op dewerkvloer. | Alle werknemers van Ontex enpersonen die namens deonderneming zaken doen, metinbegrip van agenten, distributeurs,jointventurepartners, consultantsen tussenpersonen van derden |
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissaris | Informatie over dit rapport |
|---|---|---|---|---|---|
| Beleid | Doel | Impacts, risico's en kansen | Perimeter | ||
| Managementsysteem voorgezondheid &veiligheid | •Streven naar nul arbeidsongevallen en beroepsziekten door middel vanpreventieve maatregelen en bewustmakingsinitiatieven.•Wereldwijde, regionale en lokale gezondheids-naleven. | en veiligheidsvoorschriften | •Gezondheid en veiligheid. | Alle werknemers en nietwerknemers in het personeelsbestand van Ontex |
Alle bovengenoemde beleidsregels zijn eigendom van het Uitvoerend Management Comité. Ze zijn beschikbaar via ons interne documentbeheersysteem (Ontex DNA) en kunnen rechtstreeks door werknemers of niet-werknemers of op verzoek bij hr worden geraadpleegd.
Het Personeelsbeleid, het Mensenrechtenbeleid, de Ethische gedragscode en het Beleid inzake diversiteit, gelijkheid en inclusie van Ontex zijn in overeenstemming met internationaal erkende instrumenten, waaronder de UN Guiding Principles on Business and Human Rights en andere relevante kaders. De interne naleving van wordt gecontroleerd via het complianceprogramma, terwijl de externe naleving wordt gewaarborgd via het due-diligenceprogramma voor leveranciers.
SUS-4.1.4 Processen om met eigen werknemers en werknemersvertegenwoordigers te overleggen over impacts
Ontex overlegt met haar personeel via verschillende processen en kanalen:
- Wereldwijde en lokale townhalls. Global Staff Updates zijn driemaandelijkse persoonlijke en virtuele vergaderingen van 1,5 uur waarin de CEO en het Uitvoerend Comité updates geven over strategie en prestaties, erkenning van werknemers en een platform creëren voor vragen en feedback. Deze vergaderingen zijn toegankelijk in meerdere talen via live vertalingen en samenvattingen. Lokale townhalls, onder leiding van lokale managementteams, hebben een vergelijkbaar format, maar gaan vooral over specifieke thema's voor elke locatie.
- Tweejaarlijkse Pulse-enquêtes. In 2024 organiseerde de onderneming voor het eerst haar tweejaarlijkse personeelsbevragingen, onder toezicht van de Chief HR & Legal Officer en toegankelijk voor alle werknemers. Via 12 vragen en optionele opmerkingen kunnen werknemers in deze Pulse-enquêtes feedback geven over betrokkenheid, waarden en arbeidsomstandigheden. Ongeveer 75% van de medewerkers nam deel aan de twee bevragingen die in 2025 werden uitgevoerd, wat meer dan 10.000 opmerkingen opleverde.
De resultaten worden in detail gedeeld met het Uitvoerend Comité en het Extended Leadership Team (ELT), die actie ondernemen op basis van de feedback, terwijl de belangrijkste inzichten met alle medewerkers worden gedeeld. De Pulse Surveys dienen als indicatoren voor medewerkerbetrokkenheid en welzijn, en bieden inzicht in de standpunten van verschillende groepen medewerkers. Zo toonde een analyse van de antwoorden per gender aan dat vrouwen iets minder gunstige ervaringen rapporteerden. Om de privacy van medewerkers te respecteren, vraagt het bedrijf geen persoonlijke of gevoelige informatie op. Hierdoor kunnen de Pulse Surveys geen analyses maken van andere minderheidsgroepen of personen die risico lopen op marginalisatie, zoals mensen met een beperking of migranten.
- Vergaderingen van de Europese Ondernemingsraad (EOR) en lokale ondernemingsraden. De EOR van Ontex, opgericht in 1999, brengt een efficiënte dialoog op gang tussen directie en werknemersvertegenwoordigers. Die dialoog wordt gevoerd via regelmatige EOR-vergaderingen die minstens eenmaal per jaar plaatsvinden waar de leden worden geïnformeerd en geraadpleegd over kwesties die belangrijk zijn voor Ontex als groep of voor minstens twee van onze entiteiten in verschillende landen. Deze kwesties omvatten:
- strategie, structuur, financiële en economische situatie van Ontex
- de verwachte ontwikkeling van activiteiten, productie en verkoop
- de verwachte ontwikkeling van arbeidskwesties en investeringen
- kwesties met betrekking tot gezondheid, veiligheid, milieubescherming en duurzaamheid
- fusies, overnames, joint ventures, desinvesteringen, herstructureringen en sluitingen van fabrieken en juridische entiteiten
- invoering van nieuwe werk- en productiemethoden
Ook andere thema's kunnen in overleg op de agenda worden geplaatst, zelfs als ze niet expliciet worden vermeld in de EOR-overeenkomst of andere overeenkomsten tussen Ontex en de EOR. Ontex' Chief HR & Legal Officer is ziet erop toe dat de bepalingen van deze overeenkomsten worden nageleefd.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Lokale directies vergaderen ook regelmatig met werknemersvertegenwoordigers volgens de afspraken gemaakt met lokale werknemersraden en -comités (bv. comités voor preventie en bescherming op het werk).
• Extra forums. Ontex reikt haar werknemers ook andere mogelijkheden aan om feedback te geven, problemen te melden of betrokken te raken. Onder meer via informele ontmoetingen, zoals ontbijten en lunches met managers, maar ook via nieuwsberichten op Ontex Connect (het bedrijfsintranet) waar werknemers dan schriftelijk op kunnen reageren.
SUS-4.1.5 Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor eigen werknemers om zorgen kenbaar te maken
Naast de kanalen die worden gebruikt om met werknemers te overleggen en hen te raadplegen over strategische kwesties en materiële impacts, risico's en kansen, reikt Ontex specifieke kanalen aan om formele zorgen of klachten over mogelijke inbreuken op haar Ethische gedragscode te melden, zoals uiteengezet in haar Speak Up-beleid. Werknemers kunnen intern contact opnemen met de volgende aangewezen personen:
- Lijnmanagers
- Lokale vertrouwenspersonen (indien van toepassing)
- Leden van het Complianceteam (kern- en/of uitgebreide teamleden)
- Leden van Interne audit
Daarnaast hebben de werknemers toegang tot de klokkenluiders-/Speak Up-lijn (via een webportal of telefonisch), die wordt beheerd door een externe organisatie om de vertrouwelijkheid te waarborgen.
Informatie over deze kanalen en hoe die toegankelijk zijn, is terug te vinden in het Speak Upbeleid dat op Ontex Connect staat en uithangt op lokale informatieborden. Externe belanghebbenden hebben ook toegang tot de lijn via Ontex.com.
Hoe klachten gemeld via deze kanalen worden behandeld, staat beschreven in het Speak Upbeleid. Dit beleid garandeert vertrouwelijkheid, geen represailles en de bescherming van persoonlijke gegevens. Het gebruik van de klokkenluiders-/Speak Up-lijn wordt uitgelegd in de verplichte jaarlijkse opleiding over de Ethische gedragscode, die door alle werknemers wordt gevolgd (en waarvan de voltooiingspercentages jaarlijks worden geëvalueerd), en wordt ook op grote schaal bekendgemaakt op Ontex Connect en uitgehangen in de sites van de onderneming. Het regelmatige en brede gebruik van de klokkenluiders-/Speak Up-lijn toont aan dat dit een vertrouwd mechanisme is om zorgen te melden.
SUS-4.1.6 Actie nemen op materiële impacts, risico's en kansen: eigen personeel
Belangrijkste maatregelen definiëren
Ontex neemt maatregelen om materiële negatieve en positieve impacts aan te pakken, risico's te beheren en kansen na te streven met betrekking tot haar personeel. Wanneer een daadwerkelijke of potentiële negatieve impact wordt vastgesteld, bepaalt de eindverantwoordelijke voor het relevante functionele of geografische gebied wie betrokken en geraadpleegd moet worden om geschikte actieplannen uit te werken en in te voeren. Bij spanningen tussen het voorkomen of beperken van materiële negatieve impacts en bij andere drukfactoren binnen de onderneming, houdt het Uitvoerend Comité van Ontex zorgvuldig rekening met de behoeften van de werknemers en de vereisten van de onderneming om de best mogelijke oplossing voor alle partijen te vinden.
Effectiviteit meten
De effectiviteit van de maatregelen om materiële impacts op het personeel aan te pakken, wordt geëvalueerd aan de hand van de duurzaamheidsdoelstellingen van Ontex, in het bijzonder de doelstellingen om een zorgzame werkgever te zijn. Regelmatige Pulse-enquêtes leveren inzichten op over cultuur, werkpraktijken, betrokkenheid en welzijn en helpen om de resultaten van deze maatregelen te beoordelen
Middelenallocatie
Ontex stelt aanzienlijke middelen ter beschikking om materiële impacts te beheren, met inbegrip van human resources (bv. management, hr-teams, lokale EHS-managers) en systemen en tools (bv. gegevensopslag ter ondersteuning van beloningsbeoordelingen, opleiding en ontwikkeling, prestaties, talentbeheer, opvolgingsplanning en aanwervingsprocessen). Daarnaast maakt de onderneming ook budgetten vrij voor beloning, opleiding en ontwikkeling en specifieke programma's en initiatieven.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Belangrijkste maatregelen
De voornaamste maatregelen die zijn genomen, gepland staan of lopen om materiële negatieve impacts te voorkomen of te mitigeren en om positieve impacts te behalen, staan hieronder vermeld. De verbintenis van Ontex om de mensenrechten te beschermen en te verdedigen is gebaseerd op solide systemen om risico's te identificeren en aan te pakken, en om een eerlijke behandeling, veilige werkomstandigheden en gelijke kansen te garanderen. Door haar inspanningen op het vlak van diversiteit, gelijkheid en inclusie kan Ontex een innovatieve en inclusieve werkplek creëren. De onderneming verwacht dat deze maatregelen een positief effect zullen hebben op de realisatie van haar beleidsdoelstellingen en -doelen. Zo zal een reeks G&V-maatregelen bijdragen om de doelstelling nul ongevallen te halen. De maatregelen rond cultuur en P.R.I.D.E.-waarden, leiderschapsontwikkeling, talent en opvolging, opleidings- en ontwikkelingsprogramma's en -tools en DEI zullen helpen om het personeelsverloop en absenteïsme terug te dringen. Ook de betrokkenheid van de werknemers, de welzijnsscore en het aantal opleidingsuren per werknemer zullen zo toenemen. Daarnaast zullen ook de maatregelen rond leiderschapsontwikkeling en DEI Ontex helpen om haar ambitie rond gendergelijkheid waar te maken.

Cultuur en P.R.I.D.E.-waarden




Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Ontex' cultuur, gedreven door de P.R.I.D.E.-waarden (Passion, Reliability, Integrity, Drive, Everyone), speelt een belangrijke rol in de ambitie om een verantwoordelijke en zorgzame werkgever te zijn. In 2024–2025 bleef Ontex deze waarden verder verankeren via verplichte prestatie-doelstellingen voor kantoormedewerkers en via erkenningsinitiatieven, waaronder het organiseren van een creatieve wedstrijd voor medewerkers en hun families (voornamelijk kinderen) om elke waarde met een kunstwerk uit te beelden tijdens Pride Month. De winnende ontwerpen werden gebruikt op postkaarten die op alle locaties werden verspreid om initiatieven rond peer erkenning, diversiteit en inclusie te versterken.
De P.R.I.D.E. Champions Awards, die voor het derde opeenvolgende jaar werden georganiseerd, bekroonden vier individuen en twee teams (uit net geen 300 peer-to-peer nominaties) voor het belichamen van de Ontex-waarden. Het bedrijf bleef ook de percepties van medewerkers over deze waarden en het voorbeeldgedrag van leiders meten via Pulse Surveys, wat richting geeft aan toekomstige verbeteringen om de bedrijfscultuur verder te versterken.
Maatregelen inzake G&V
De gezondheid & veiligheid (G&V) verbeteren blijft een prioriteit bij Ontex. Onveilig gedrag is goed voor 85% van alle letsels, vandaar de noodzaak om dit aan te pakken via een programma voor veilig gedrag. De belangrijkste aandachtspunten zijn:
- een sterker G&V-leiderschap op alle niveaus van de organisatie, waarbij managers een actieve rol spelen om werknemers te betrekken bij en bewust te maken van werkgerelateerde risico's.
- een lijngericht model invoeren, waarbij prioriteit wordt gegeven aan operatoren door oude productielijnen en gereedschappen te vervangen door veiligere alternatieven, in combinatie met een correct beheer van aannemers en tijdige kwalificaties.
- blijven investeren in risicobeoordelingen en het standaardiseren van veiligheidsprocessen met een sterke focus op change management.
Het G&V-systeem van Ontex is gebaseerd op risicobeoordelingen, te beginnen met de opsporing en melding van gevaren. Eerst wordt het risiconiveau van elk gevaar vastgesteld. Als een risico niet kan worden geëlimineerd, worden er tegenmaatregelen genomen om de risico's te minimaliseren door middel van procedures, standaardwerken en beschermingsmaatregelen. De ontwikkeling van G&V-procedures binnen de hele groep staat centraal in deze benadering, samen met voortdurende monitoring van activiteiten en kritieke maatstaven. Om dit verder te ondersteunen werd de functie EHS Group gecreëerd om standaardprocedures en -programma's uit te werken om het veiligheidsgedrag te verbeteren en meer risicobeoordelingen op machines uit te voeren.
Ontex bevordert een veiligheidscultuur door de veiligheidsprocessen regelmatig te evalueren, van incidenten te leren en corrigerende maatregelen te nemen. Initiatieven zoals Peer-to-Peer Observation, pakken onveilig gedrag aan en aan de hand van kapitaalinvesteringen verbeteren we de veiligheid van onze machines. Opleidingsprogramma's en bewustmakingscampagnes maken werknemers beter bewust en klaar om veiligheidsuitdagingen aan te gaan. De werknemers worden bij dit alles betrokken via regelmatige communicatie, feedbackmechanismen en erkenning van bijdragen zodat de veiligheidsprotocollen beter worden nageleefd.
Klimaatrisico's koppelen aan veerkracht van werknemers
Om haar werknemers te beschermen tegen klimaatrisico's heeft Ontex de HVAC-systemen in hittegevoelige gebieden geüpgraded en noodplannen geïmplementeerd in alle sites om de veerkracht tijdens klimaatgebeurtenissen te garanderen.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Leiderschapsontwikkeling
In 2025 werden verschillende initiatieven genomen om het Extended Leadership Team (ELT) van Ontex verder te versterken. Virtuele meetings met het Uitvoerend Comité boden leiders een platform voor interactie om de Ontex-cultuur verder te ontwikkelen en de strategie uit te voeren, evenals hun teams te mobiliseren om de bedrijfsdoelstellingen te behalen.
De Leadership Summit zorgde voor alignment van het ELT met de strategie van het bedrijf en benadrukte het belang van accountability om de strategie succesvol en versneld uit te voeren. Leiders namen daarnaast deel aan kleinere peer-coachinggroepen tussen de formele bijeenkomsten om wederzijds leren te stimuleren, ervaringen te delen en relaties op te bouwen gebaseerd op vertrouwen.
Tot slot werd het Ontex Leadership Framework geactualiseerd om het huidige bedrijfs- en marktomveld te weerspiegelen en om de vaardigheden te definiëren die Ontex-leiders moeten ontwikkelen en demonstreren om de transformatie van het bedrijf vooruit te helpen.
Talent en opvolging
In 2025 voerde Ontex een uitgebreide talent review uit voor het hele bedrijf om zijn 400 hoogst gerangschikte medewerkers te beoordelen op basis van zowel prestaties als potentieel, en om de acties te bepalen die op individueel en organisatieniveau nodig zijn om hun verdere ontwikkeling te ondersteunen. Deze oefening versterkte de paraatheid van het bedrijf voor toekomstige uitdagingen.
People managers kregen training om betekenisvolle carrièregesprekken te faciliteren, zodat medewerkers groeikansen kunnen identificeren en hun professionele traject kunnen vormgeven. Bovendien werden opvolgers geïdentificeerd voor alle posities binnen het Extended Leadership Team (ELT) om risico's bij onverwachte vertrekken te beperken. Door deze aanpak te verankeren, versterkt Ontex een cultuur van continue ontwikkeling, bevordert het engagement en retentie, en ondersteunt het de langetermijnsucces van het bedrijf.
Uitbreiding van het leer-ecosysteem
In 2025 bleef Ontex zijn leer-ecosysteem verder ontwikkelen, afgestemd op diverse noden en jobprofielen. Het Learning Management System voor productiemedewerkers werd uitgerold naar bijkomende locaties, waardoor alle medewerkers op deze sites – ongeacht hun rol – toegang kregen tot relevante, jobgerelateerde leeropportuniteiten. Door de kloof tussen kantoor- en operationele functies te verkleinen en leren toegankelijk te maken voor iedereen, werd de onboarding versneld, steeg het trainingsvolume met 40%, verbeterde de zichtbaarheid van vaardigheden en werd de operationele efficiëntie verhoogd.
Het succes van dit project werd ondersteund door een grotere adoptie van Ontex' digitaal platform voor inhoudscreatie, waardoor de groeiende community van interne experten leerinhoud kon ontwikkelen en delen. Dit schaalbare ecosysteem wordt nu verder uitgerold naar de resterende fabrieken, zodat elke belangrijke site beschikt over gestructureerde en relevante ontwikkelingskansen, in lijn met Ontex' visie op een toekomstgerichte, wendbare personeelsbasis.
Ook voor kantoormedewerkers werd de leeromgeving vernieuwd, met een heringericht opleidingsaanbod en een betere integratie van virtuele leermogelijkheden, waardoor trainingen zichtbaarder en toegankelijker werden. Daarnaast investeerden Ontexmedewerkers 146% meer uren dan vorig jaar in hun ontwikkeling via externe online leerplatformen.
In 2025 ontwikkelde en implementeerde het bedrijf ook het Win as a Team-programma, gericht op het versterken van teamwork, samenwerking en vertrouwen. Bijna 30 workshops werden wereldwijd gegeven en ontvingen zeer positieve feedback.
Deze verwezenlijkingen illustreren Ontex' inzet om medewerkers de vaardigheden en middelen te bieden die ze nodig hebben om te slagen, in lijn met de strategische doelstellingen van het bedrijf.
Wereldwijde en lokale DEI-initiatieven
In 2025 versterkte Ontex zijn engagement rond Diversity, Equity & Inclusion (DEI) door zich aan te sluiten bij de Women's Empowerment Principles van de Verenigde Naties. De globale strategie werd vernieuwd en steunt op drie pijlers: genderbalans in leiderschap, een inclusieve cultuur en eerlijke toegang tot kansen.
Op groepsniveau omvatten belangrijke acties: het diversifiëren van kandidatenpools voor leiderschapsrollen, het actualiseren van interviewrichtlijnen en trainingen voor managers om vooroordelen aan te pakken, en de lancering van een nieuwe LGBTQIA+ medewerkerswerkgroep.
Ontex verhoogde ook de bewustwording via belangrijke DEI-momenten. Zo vonden er op verschillende sites sessies plaats voor Internationale Vrouwendag; Pride Month omvatte een wereldwijde fotoshootcampagne en lokale acties ondersteund door een digitaal toolkit; en tijdens Inclusion Month werden thematische posters, lockscreens en authentieke medewerkersverhalen gedeeld.
Lokaal brachten teams de globale DEI-strategie tot leven:
- VK: Een inspirerende spreekster over women's empowerment, donaties aan MindOut (LGBTQ-geestelijke gezondheid), een campagne rond mannengezondheid, en een opfristraining over onbewuste vooroordelen.
- Italië: Op de site in Ortona vond een interactieve workshop plaats rond generaties en inclusie, gericht op dialoog en wederzijds begrip.
- Tsjechië: Medewerkers in Turnov namen deel aan een interactieve DEI-quiz rond generatieverschillen, diverse perspectieven en het bredere thema van inclusie.
- VS: Internationale Vrouwendag en Women's History Month werden gevierd in Stokesdale met een bewustwordingscampagne en een thematisch ontbijt met de CEO en Chief HR & Legal Officer (CHRLO).
- België: In het hoofdkantoor in Aalst organiseerden lokale DEI-Champions lunch-and-learns, waaronder een panelgesprek over vrouwen in leiderschap en een sessie om het bewustzijn rond menopauze te verhogen-bewustzijn. Een potluck lunch vierde de 27 nationaliteiten op het hoofdkantoor en bracht cultuur en dialoog samen.
Deze initiatieven weerspiegelen Ontex' inzet voor een inclusieve cultuur die rekening houdt met diverse noden en perspectieven.
Desinvesteringen in Brazilië en Turkije
In 2025 rondde Ontex de desinvesteringen in Brazilië en Turkije af om de focus te verscherpen op de kernretailmerken en de zorgactiviteiten in Europa en Noord-Amerika. Om risico's te beperken en de mogelijke negatieve impact op de medewerkers te verminderen, werden meerdere maatregelen genomen om de overgang vlot te laten verlopen.
Hoewel tijdens het verkoopproces maximaal op waarde werd gestuurd, paste Ontex ook criteria toe met betrekking tot zakelijke en culturele fit om continuïteit, stabiliteit en goede vooruitzichten voor de activiteiten en de medewerkers te bevorderen. Uitgebreide communicatieplannen, waaronder formele aankondigingen, afstemmingse-mails van het management en videoboodschappen, zorgden voor transparantie en ondersteuning. Leiderschapsteams engageerden zich actief richting medewerkers en externe stakeholders om de overgang efficiënt te begeleiden..
Sluiting van Eeklo
Op 19 december 2024 stopte Ontex de productie op de site in Eeklo (België). In 2025 bood het bedrijf actieve ondersteuning aan medewerkers en hun families, waaronder financiële en psychologische hulp en begeleiding bij carrièretransitie. Eind oktober 2025 had twee derde van de voormalige Eeklo-medewerkers een nieuwe job gevonden.
SUS-4.1.7 Maatstaven en doelen
Doelen
De doelstellingen in de duurzaamheidsstrategie van Ontex met betrekking tot het beheersen van materiële impacts, het mitigeren van risico's en het benutten van kansen in verband met de eigen medewerkers zijn:
- Streven naar nul arbeidsongevallen
- Frequentiegraad van ongevallen van ≤ 1 in 2030: Ontex streeft naar een gezondheidsen veiligheidsniveau dat in lijn ligt met de normen van world class manufacturing, via preventie, bewustmaking en rapportage van bijna-ongevallen. Dit omvat regelmatige opvolging van medewerkers, investeringen in training en coaching, adequaat
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
onderhoud van installaties en uitrusting, en het creëren van een veilige en gezonde werkomgeving voor werknemers, externen en bezoekers. Het bedrijf ondersteunt de visie van de 'Power of Zero', die niet alleen focust op nul ongevallen, maar ook op het blijvend behalen van dit doel door naleving van regelgeving, het garanderen van nul gevaar voor medewerkers, het voorkomen van verloren werkdagen en het vermijden van schade aan activa.
- Na de desinvesteringen in Ontex Brazilië en Turkije en de afronding van de strategische heroriëntatie van Ontex, werd de basislijn voor de ongevallenfrequentiegraad (2020) herrekend om het nieuwe toepassingsgebied van Ontex weer te geven, zonder de ambitiegraad te wijzigen. De vergelijkende informatie werd eveneens herwerkt om consistentie en vergelijkbaarheid tussen rapportageperiodes te garanderen. Daarmee realiseerde Ontex in 2025 een ongevalfrequentiegraad van 2,61, waarmee opnieuw een doelstelling werd behaald doordat de frequentiegraad onder de 3,99 bleef. Bovendien blijft het bedrijf goed op koers om de doelstelling voor 2030 te halen.
- Een veerkrachtig en betrokken personeelsbestand
- Ontex streeft naar een gezond personeelsverloop en een continue investering in vaardigheidsontwikkeling. Het bedrijf vergelijkt zich met een groep van gelijkaardige
organisaties en streeft ernaar om consequent beter te presteren dan de mediaan van deze groep. In de loop van 2026 zal de samenstelling van de vergelijkingsgroep worden herzien om te verzekeren dat deze relevant blijft voor Ontex' activiteiten en dat de beschikbare gegevens vergelijkbaar zijn.
- Continue verbetering van absenteïsme, engagement en welzijn: Ontex wil de absenteïsmecijfers verbeteren en het engagement en welzijn van medewerkers versterken, gemeten via een index in de Pulse Surveys. Het doel van het bedrijf is om deze KPI's elk jaar te verbeteren.
- Genderevenwicht in het Extended Leadership Team (ELT): Het topmanagement van Ontex bestaat uit een duidelijk afgebakende groep van momenteel 62 senior leaders, het ELT, geselecteerd op basis van hun rolomvang (jobniveau) of hun strategische impact (rapportagelijn). Tegen 2030 streeft het bedrijf naar 50% genderevenwicht binnen dit team.
Hoewel sommige doelen pas dit jaar werden vastgelegd en andere pas vanaf volgend jaar gelden, kan Ontex nu al inzicht verschaffen in de respectieve KPI's:
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Doelen | Voortgangrapportage | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Eenheid | 2030 | 2023 | 2024 | 2025 | |
| Streven naar nul arbeidsongevallen | |||||
| Ongevalfrequentie62 | Het aantal blijvende letsels per één miljoen gewerktepersoonsuren | ≤ 1 | 3,01(herrekend) | 3,82(herrekend) | 2,61 |
| Benchmarkdoelen | |||||
| Personeelsverloop | Aantal vertrekken in het huidige jaar/Aantal actieve werknemers aan het begin van het huidige jaar (januari) | 16% | 23% | 17% | |
| Opleiding en ontwikkeling | Gemiddeld aantal opleidingsuren per werknemer | - | 14 | 20 | |
| Vrouwen | - | 13 | 15 | ||
| Mannen | - | 14 | 23 | ||
| Andere geslachten | - | - | 0 | ||
| Doelen voor continue verbetering | |||||
| Absenteïsme | % van totaalaantal ongeplande uren afwezigheid /Totaalaantal uren beschikbaar in het hele jaar | Verbetering opjaarbasis | 4 | 5 | 5,4 |
| Score betrokkenheids- & welzijnsenquêtes bijwerknemers | Verbetering opjaarbasis | - | 65 | 57 | |
| Gendergelijkheid in leiderschap | |||||
| Aantal vrouwen in topmanagement | VTE (voltijdsequivalent) | - | 14 | 12,9 | |
| Percentage vrouwen in topmanagement | % van het aantal vrouwen in het ULT /Totaalaantal werknemers in het ULT | 50% | 25% | 20% | 22% |
| Aantal mannen in topmanagement | VTE | - | 57 | 46,5 | |
| Percentage mannen in topmanagement | % van het aantal mannen in het ULT /Totaalaantal werknemers in het ULT | 75 | 80 | 78,3 |
Het gemiddelde aantal opleidingsuren dat in de bovenstaande tabel wordt weergegeven, omvat de activiteiten in Brazilië en Turkije niet. Ontex merkt op dat in 2025 het gemiddelde aantal opleidingsuren voor vrouwen en mannen respectievelijk 18,93 en 29,5 bedroeg, wanneer de Braziliaanse en Turkse activiteiten wel worden meegerekend.
[62] De gegevens in de Duurzaamheidsverklaringen verschillen van het Remuneratieverslag omdat de Braziliaanse en Turkse activiteiten uit eerstgenoemd verslag zijn uitgesloten om de consistentie en vergelijkbaarheid tussen de verschillende jaren te waarborgen. Het Remuneratieverslag daarentegen werd niet herzien, zodat een duidelijk overzicht behouden blijft van de oorspronkelijke doelstellingen die voor de Short-Term Incentives (STI) waren vastgesteld. Voor meer informatie, zie deel GOV-9.3.2.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Methodologie
Alle maatstaven voor 'VTE'n (voltijdsequivalenten) zijn gebaseerd op actieve werknemers aan het einde van de rapportageperiode (31 december 2025). Dit is zonder werknemers die de onderneming hebben verlaten of die langdurig afwezig waren.
Het personeelsverloop wordt berekend door het totaalaantal werknemers (VTE'n) dat vrijwillig is vertrokken, door ontslag, pensionering of overlijden in dienst, te delen door het totaalaantal actieve werknemers (VTE'n) aan het begin van het jaar (1 januari 2025). Medewerkers uit de activiteiten die in 2025 werden gedesinvesteerd (Brazilië, Turkije) werden uit deze metriek uitgesloten.
Personeelsverloop 2025: 919,98 (vertrokken VTE'n) / 5.118,65 (actieve VTE'n in jan 2025) = 17,97%
Proces voor het stellen en monitoren van doelen
Deze doelstellingen rond eigen medewerkers werden vastgesteld op basis van input van verschillende stakeholders, verzameld tijdens de dubbele materialiteitsbeoordeling, en ze werden gevalideerd met werknemersvertegenwoordigers tijdens de reguliere vergadering van de European Works Council (EWC). Er werd eveneens overeengekomen dat Ontex zijn prestaties ten opzichte van deze doelstellingen in dit forum zal delen en bespreken zodra de gegevens beschikbaar zijn (na de publicatie van het Jaarverslag). Deze doelstellingen kunnen periodiek worden herzien op basis van evoluerende benchmarks en andere interne en externe factoren.
Prestaties ten opzichte van doelen
Het personeelsverloop in 2025 is aanzienlijk gedaald in vergelijking met 2024, waarbij het verloop in 2024 uitzonderlijk hoog lag, voornamelijk door de sluiting van de fabriek in Eeklo. Het cijfer voor 2025 ligt grosso modo in lijn met het gemiddelde verlooppercentage van de voorgaande jaren, zonder uitzonderlijke ontslagrondes.
Het aantal opleidingsuren per medewerker is aanzienlijk gestegen tegenover vorig jaar. Dit is vooral te danken aan de uitrol van een capaciteitsversterkend programma voor productiemedewerkers en een intensieve campagne om de bewustwording rond fysieke en cyberbeveiligingsrisico's te vergroten.
Het aandeel vrouwen in het topmanagement en het absenteïsmepercentage zijn stabiel gebleven ten opzichte van vorig jaar. De score voor medewerkersbetrokkenheid en welzijn is gedaald van 65 in 2024 naar 57 in 2025. Deze daling weerspiegelt een breed gedragen terugval in sentiment, veroorzaakt door teleurstellende bedrijfsresultaten, onzekerheid over jobverlies, de perceptie van een hoge werkdruk en de aanpassing aan een strenger hybride werkbeleid.
Maatregelen om prestaties ten opzichte van gestelde doelen te verbeteren
Inspanningen zijn aan de gang om de prestaties voor alle doelstellingen te verbeteren. Zo werden doelstellingen voor personeelsverloop en absenteïsme vastgelegd en worden deze maandelijks opgevolgd op elke locatie, waardoor de lokale verantwoordelijkheid voor het behalen ervan wordt vergroot. Opleidings- en ontwikkelingsmogelijkheden zullen verder worden uitgebreid via de bedrijf brede uitrol van het nieuwe capability-buildingprogramma voor productiemedewerkers.
Er werden ook duidelijke verwachtingen geformuleerd voor het ELT om eigenaarschap op te nemen van de Pulse Survey-actieplannen op lokaal niveau en om te zorgen voor meer gendergebalanceerde kandidatenpools voor senior leadershipposities.
| Eenheid202320242025Werknemers per contracttypeOnbeperkte duur (vast):VTE6.1896.6274,877Aantal vrouwenVTE2.2202.4161.829Aantal mannenVTE3.6984.2113.048Aantal andere geslachtenVTE---Aantal werknemers dat hunVTE--geslacht niet heeft vermeldBeperkte duur (tijdelijk):VTE79215163 | Werknemers | Voortgangrapportage | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| - | ||||||||||
| Aantal vrouwen | VTE | 43 | 87 | 66 | ||||||
| Aantal mannenVTE3612998 | ||||||||||
| Aantal werknemers dat hunVTE--geslacht niet heeft vermeld | - | |||||||||
| Aantal andere geslachtenVTE--- | ||||||||||
| Werknemers met nietVTE0.10.4gegarandeerde uren: | - | |||||||||
| Aantal vrouwenVTE-0.4- | ||||||||||
| Aantal mannenVTE--- | ||||||||||
| Aantal werknemers dat hunVTE0.1-geslacht niet heeft vermeld | - | |||||||||
| Personeelsverloop | ||||||||||
| Totaalaantal vertrekkenVTE1.2091.780920 |
De daling in het aantal FTE's wordt grotendeels verklaard door de desinvesteringen van de Ontex-activiteiten in Brazilië en Turkije.
Het totale aantal beëindigingen dat in de bovenstaande tabel wordt weergegeven, omvat de activiteiten in Brazilië en Turkije niet. Ontex merkt op dat in 2025 in totaal 1.022 beëindigingen (VTE) plaatsvonden, inclusief de Braziliaanse en Turkse activiteiten.
SUS-4.1.8 Kenmerken van werknemers van Ontex
Ontex is wereldwijd actief en heeft kantoren, productiefaciliteiten en R&D-centra in Europa en Noord-Amerika. Ons gevarieerde personeelsbestand omvat werknemers in R&D, productie, verkoop en ondersteunende functies. De landen met het grootste aantal werknemers (>10%) zijn momenteel België, Duitsland, Spanje, Polen, Mexico en Tsjechische Republiek.
| Werknemers | Voortgangrapportage | |||
|---|---|---|---|---|
| Eenheid | 2023 | 2024 | 2025 | |
| Werknemers van Ontex | ||||
| Totaalaantal actievewerknemers: | Aantal werknemers | 7.765 | 6.896 | 4.908 |
| Aantal vrouwen | Aantal werknemers | 2.655 | 2.544 | 1.817 |
| Aantal mannen | Aantal werknemers | 5.108 | 4.352 | 3.091 |
| Aantal anderegeslachten | Aantal werknemers | 0 | 0 | 0 |
| Aantal werknemersdat hun geslachtniet heeft vermeld | Aantal werknemers | 0 | 0 | 0 |
| Werknemers in landen met een hoge werkgelegenheidsgraad (>10%) | ||||
| België | Aantal werknemers | 582 | ||
| TsjechischeRepubliek | Aantal werknemers | 794 | 799 | 753 |
| Duitsland | 574 | |||
| Spanje | 602 | |||
| Polen | 539 | |||
| Mexico | 494 |
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Methodologie
Alle maatstaven voor VTE's (voltijdsequivalenten) en aantal werknemers zijn gebaseerd op actieve werknemers aan het einde van de rapportageperiode (31 december 2025). Dit is zonder werknemers die de onderneming hebben verlaten of die langdurig afwezig waren.
Het verschil tussen het aantal medewerkers dat in deze deel wordt gerapporteerd en het aantal medewerkers dat in de financiële staten wordt vermeld, is te wijten aan een methodologisch verschil: de financiële staten (zie deel FIN-4.22) weerspiegelen het gemiddelde aantal VTE's over het jaar, terwijl deze deel het aantal medewerkers rapporteert op het einde van de rapportageperiode.
SUS-4.1.9 Kenmerken van werknemers niet in loondienst onder het eigen personeel van Ontex
Als verantwoordelijke en zorgzame werkgever biedt Ontex waar mogelijk duurzame tewerkstelling. Wanneer directe tewerkstelling niet haalbaar is, doet de onderneming een beroep op zelfstandigen of werkt ze samen met derden die zich voornamelijk bezighouden met arbeidsbemiddeling en personeelswerk. Voorbeelden van werknemers die niet in loondienst zijn:
- Tijdelijk productiepersoneel: aangeworven via interimkantoren om productiepieken op te vangen of ondersteuning te bieden tijdens vakanties van werknemers.
- Kenniswerkers: zelfstandig of aangeworven via derden, tijdelijk aangeworven voor projectwerk, consultancydiensten, afwezigheid van werknemers of tijdelijke vacatures.
- Verkoopagenten: actief op een beperkt aantal markten ter ondersteuning van aanbestedingen of gefragmenteerde klantenbestanden.
| Niet-werknemers | Voortgangrapportage | |||
|---|---|---|---|---|
| Eenheid | 2023 | 2024 | 2025 | |
| Totaalaantal niet-werknemers inkantoorfuncties | Aantalwerknemers | - | 227 | 516 |
| Gemiddeld aantal nietwerknemers in operationelefuncties | Gemiddeldaantal VTE's | - | 852 | 823 |
Methodologie
Niet-werknemers zijn onderverdeeld in twee categorieën, elk met een eigen rapportagemethode:
- Niet-werknemers in kantoorfuncties: deze categorie omvat onafhankelijke aannemers, agenten en werknemers die via derden in dienst worden genomen om administratieve en kennisgebaseerde taken uit te voeren. Hun aantal wordt geschat op het einde van de rapportageperiode (31 december 2025). Aangezien deze werknemers meestal een e-mailadres nodig hebben, worden hun gegevens vastgelegd in het Human Capital Management-systeem van Ontex, dat als basis voor deze schatting dient.
- Niet-werknemers in operationele functies: deze categorie omvat werknemers die via derden in dienst worden genomen om operationele taken in fabrieken en magazijnen uit te voeren. Hun aantal wordt gerapporteerd als een schatting van de gemiddelde VTE'n voor het jaar 2025, gebaseerd op facturen ontvangen van de externe leveranciers.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
SUS-4.1.10 CAO-dekkingsgraad en sociale dialoog
Aangezien Ontex in meerdere landen van de Europese Economische Ruimte (EER) actief is, heeft de onderneming verschillende nationale collectieve arbeidsovereenkomsten afgesloten. De landen in de EER met meer dan 10% van de tewerkstelling zijn België, Duitsland, Spanje, Polen en Tsjechische Republiek.
| Collectieve arbeidsovereenkomst | Voortgangrapportage | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| en sociale dialoog | Eenheid | 2023 | 2024 | 2025 | |
| Collectieve arbeidsovereenkomsten | |||||
| Werknemers die onder eencollectieve arbeidsovereenkomstvallen | % werknemers | 73 | 69 | 62 | |
| Werknemers die onder collectieve arbeidsovereenkomsten vallen in EERlanden met een hoge werkgelegenheidsgraad (>10%) | |||||
| België | % werknemers | - | - | 65 | |
| Tsjechische Republiek | % werknemers | - | 100 | 100 | |
| Duitsland | % werknemers | - | - | 92 | |
| Polen | % werknemers | - | - | 0 | |
| Spanje | % werknemers | - | - | 100 | |
| Werknemersvertegenwoordigers | |||||
| Werknemers vertegenwoordigddoor werknemersvertegenwoordigers | % werknemers | 73 | 88 | 72 | |
| Werknemers vertegenwoordigd door werknemersvertegenwoordigers in EERlanden met een hoge werkgelegenheidsgraad (>10%) | |||||
| België | % werknemers | - | - | 100 | |
| Tsjechische Republiek | % werknemers | - | 100 | 100 | |
| Duitsland | % werknemers | - | - | 100 | |
| Polen | % werknemers | - | - | 100 | |
| Spanje | % werknemers | - | - | 100 |
Voor werknemersgroepen die niet onder een collectieve arbeidsovereenkomst vallen, volgt Ontex de lokale marktpraktijken. De onderneming voldoet aan de wettelijke vereisten, volgt de gegevens uit de loonenquêtes en past zich aan de lokale arbeidsmarktomstandigheden aan.
SUS-4.1.11 Diversiteitsmaatstaven % van werknemers
| Werknemers naar leeftijd | Voortgangrapportage | |||
|---|---|---|---|---|
| Eenheid | 2023 | 2024 | 2025 | |
| <30 jaar | % werknemers | 16 | 17 | 14 |
| 30-50 jaar | % werknemers | 63 | 60 | 59 |
| >50 jaar | % werknemers | 21 | 23 | 27 |
SUS-4.1.12 Maatstaven voor opleiding en ontwikkeling van vaardigheden
| Training | Voortgangrapportage | |||
|---|---|---|---|---|
| Eenheid | 2023 | 202 | 2025 | |
| Beoordelingen inzake prestatiesen loopbaanontwikkeling | % werknemers | - | 99 | 100 |
| Vrouwen | % werknemers | - | 99 | 100 |
| Mannen | % werknemers | - | 100 | 99 |
| Andere geslachten | % werknemers | - | - | - |
Evaluaties van prestaties en loopbaanontwikkeling als standaard zijn enkel vereist voor werknemers die op kantoor of thuis werken. In 2025 heeft Ontex één verplichte prestatiebeoordeling per werknemer gepland en uitgevoerd.
SUS-4.1.13 Veiligheids- en gezondheidsmaatstaven
| Veiligheid en | Voortgangrapportage | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| gezondheidsmaatstaven | 2023(herrekend) | 2024(herrekend) | 2025 | 2030 | |
| % Ontex-werknemers dat valtonder G&V-beheersystemengebaseerd op wettelijkevereisten en Ontex-standaarden | 87% | 88% | 92% | 100% | |
| Aantal dodelijke ongevallen | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Aantal gevallen van verlorenwerkdagen | 27 | 35 | 23 | ||
| Aantal verloren werkdagen | 1,182 | 2,327 | 1,339 | ||
| Frequentiegraad (FG) [63] | 3.01 | 3.82 | 2.61 | ≤ 1 | |
| Ernstgraad (EG) | 0.13 | 0.25 | 0.15 | ||
| Aantal geregistreerde gevallenvan beroepsziekten | 0 | 0 | 0 |
De hierboven weergegeven frequentiegraad omvat de Braziliaanse en Turkse activiteiten niet. Ontex merkt op dat de frequentiegraad in 2025 2,35 bedroeg wanneer de Braziliaanse en Turkse activiteiten wél worden meegerekend.
Methodologie
- Definities Werknemers van Ontex: personen met een geldige arbeidsovereenkomst met Ontex.
- Gevallen van verloren werkdagen (GVW): een arbeidsongeval of beroepsziekte, met uitzondering van dodelijke ongevallen, waardoor iemand arbeidsongeschikt wordt op een dag na de dag van het incident. Dit omvat rustdagen, weekends, feestdagen, verlofdagen of dagen na het einde van het dienstverband.
- Verloren werkdagen (VW): het totaalaantal verloren dagen als gevolg van een gemeld GVW.
- Frequentiegraad (FG): het aantal letsels met werkverzuim per miljoen gewerkte uren*. Formule: FG = Aantal GVW x 1.000.000 / Totaalaantal gewerkte uren*
- Ernstgraad (EG): het totaalaantal verloren of in rekening gebrachte kalenderdagen als gevolg van GVW per duizend gewerkte manuren. Formule: EG = Aantal verloren kalenderdagen x 1.000 / Totaalaantal gewerkte uren
- Grenzen Gegevens voor niet-productieve sites worden niet het hele jaar door verzameld, maar één keer per jaar na afsluiting van het boekjaar, op basis van input van lokale hr-managers.
- De afgestoten fabrieken (de activiteiten in Brazilië en Turkije) zijn uitgesloten van de informatie voor 2025 in deze deel, en de vergelijkende gegevens zijn herwerkt om consistentie en vergelijkbaarheid over de verschillende jaren te waarborgen. De basiswaarde waarop de doelstellingen voor de frequentiegraad zijn vastgesteld, werd herwerkt64.
[63] De gegevens in de Duurzaamheidsverklaringen verschillen van het Remuneratieverslag omdat de Braziliaanse en Turkse activiteiten uit eerstgenoemd verslag zijn uitgesloten om de consistentie en vergelijkbaarheid tussen de verschillende jaren te waarborgen. Het Remuneratieverslag daarentegen werd niet herzien, zodat een duidelijk overzicht behouden blijft van de oorspronkelijke doelstellingen die voor de Short-Term Incentives (STI) waren vastgesteld (FG=2,35). Voor meer informatie, zie GOV-9.3.2.
[64] In de duurzaamheidsverklaringen van 2024 rapporteerde Ontex: frequentiegraad (FR) 3,52 voor 2023 en 3,20 voor 2024.
Commissaris Informatie over dit rapport
SUS-4.1.14 Beloningsmaatstaven (loonkloof en totale beloning)
| Voortgangrapportage | ||||
|---|---|---|---|---|
| Eenheid | 2023 | 2024 | 2025 | |
| Loonkloofman-vrouw | Het verschil in het gemiddeldebeloningsniveau van vrouwelijke enmannelijke werknemers, uitgedruktals % van het gemiddeldebeloningsniveau van mannelijkewerknemers. | - | 5,98% | 3,46% |
| Beloningsverhouding | De verhouding tussen de jaarlijksetotale beloning voor de best betaaldepersoon en de mediane jaarlijksetotale beloning voor alle werknemers,de best betaalde persoon nietmeegerekend. | - | 161 | 125 |
In 2025 is de loonkloof tussen mannen en vrouwen aanzienlijk gedaald en ligt ze nu ruim onder de algemeen aanvaarde drempel van 5%. De daling van zowel de genderloonkloof als de loonverhoudingsratio is vooral te wijten aan het feit dat Brazilië en Turkije niet langer zijn opgenomen in het personeelsbestand van 2025.
Methodologie
De loonkloof man-vrouw wordt berekend als het procentuele verschil tussen het gemiddelde bruto-uurloon van alle vrouwelijke werknemers en dat van alle mannelijke werknemers.
Definitie werknemer:
- Actieve werknemers: uitgezonderd werknemers met verlof
- Enkel werknemers: uitgezonderd leerlingen, tijdelijke krachten, extern personeel, studenten en stagiairs.
De best betaalde persoon bij Ontex is de CEO.
SUS-4.1.15 Incidenten, klachten en ernstige impacts op het gebied van mensenrechten
Tijdens de verslagperiode werden twee werkgerelateerde discriminatie-incidenten gemeld via het Ontex Whistleblower/Speak-Up-kanaal, tegenover vier incidenten in 2024. Er deden zich, net zoals in het voorgaande jaar, geen ernstige mensenrechtenimpacten voor.
Tijdens de verslagperiode werden in totaal 92 klachten ingediend via het Ontex Whistleblower/Speak-Up-kanaal binnen de volledige Ontex Groep, exclusief de hierboven vermelde meldingen over discriminatie en intimidatie. Hiervan werden 45 klachten, tegenover 86 in 2024, bevestigd of gedeeltelijk bevestigd.
De gerapporteerde cijfers hebben betrekking op alle activiteiten van Ontex en omvatten incidenten uit de Braziliaanse en Turkse entiteiten.
Incidenten en klachten werden bijgehouden in ons klokkenluiders/Speak Up-kanaal om de vertrouwelijkheid, correcte opvolging en consistente afhandeling, onderzoek en oplossing te waarborgen. Incidenten worden gemonitord en beheerd door de leden van het Core Compliance Team.
Maatregelen van de onderneming in de rapportageperiode naar aanleiding van bevestigde gegrond/gedeeltelijk gegrond bevonden gevallen omvatten disciplinaire maatregelen, zoals mondelinge of schriftelijke waarschuwingen en ontslag van werknemers. Tijdens de rapportageperiode waren er geen geldboeten, geldstraffen en schadevergoedingen voor schade veroorzaakt door de gerapporteerde incidenten.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Ontex boekt vooruitgang richting de realisatie van zijn doelstelling voor 2030, vastgesteld in mei 2024, om te bevestigen dat 100% van zijn wereldwijde personeelsbestand is opgeleid in de Code of Ethics. In het vierde kwartaal van 2025 lanceerde Ontex een nieuwe Code of Ethics-opleiding en op 31 december 2025 had 64% van het bediendenpersoneel deze voltooid. Eind januari 2026 had 97% van de bedienden de opleiding voltooid, waardoor de onderneming goed op koers blijft om haar doelstelling te behalen, tegenover 89% in 2024. In het eerste kwartaal van 2026 zal Ontex de Code of Ethics-opleiding lanceren voor arbeiders.
Voor meer informatie over de opleiding rond de Code of Ethics van de onderneming, zie deel SUS-5.1.5.
SUS-4.2 ESRS S2: Werknemers in de waardeketen
SUS-4.2.1 Belangen en opvattingen van belanghebbenden
Werknemers in de waardeketen van Ontex behoren tot de belangrijkste stakeholders van het bedrijf. Ontex erkent het belang van het consulteren van deze groepen en het integreren van hun feedback in zijn strategieën. De methoden voor betrokkenheid worden toegelicht in deel SUS-2.3.2.
Ontex erkent dat de belangen, standpunten en rechten van werknemers in de volledige waardeketen essentieel zijn voor het vormgeven van een verantwoord bedrijfsmodel. Het bedrijf gaat actief in dialoog met deze werknemers via capaciteitsversterkende sessies, ethische enquêtes, audits ter plaatse, self-assessments en een speciaal Speak-Up-kanaal, zodat hun stem gehoord en gerespecteerd wordt.
De verschillende manieren waarop het bedrijf in contact treedt met werknemers in zijn waardeketen worden uiteengezet in de delen SUS-4.2.4 en SUS-4.2.5.
SUS-4.2.2 Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met de strategie en het businessmodel van Ontex
Ontex opereert binnen een complexe wereldwijde waardeketen, die zich uitstrekt over diverse sociale, economische en geopolitieke contexten. De activiteiten van het bedrijf hebben een invloed op mensen, gemeenschappen en ecosystemen, waardoor verantwoord en ethisch aankopen een strategische prioriteit vormt. In 2025 bleef de focus van Ontex liggen op de upstreamgrondstoffen die worden ingekocht in hoogrisicolanden, aangevuld met diepgaandere inzichten in logistiek.
Waardeketenmapping staat centraal in Ontex' strategische aanpak, omdat het een volledig beeld geeft van de impactperimeter van het bedrijf en verduidelijkt welke rol het speelt in impacts – of het deze veroorzaakt, eraan bijdraagt of er rechtstreeks mee verbonden is. Dit versterkt de inzet van Ontex voor mensenrechten door de meest kritieke mensenrechtenthema's en getroffen stakeholders te identificeren en te prioriteren. Het risicogebaseerde due-diligenceframework van Ontex omvat een uitgebreide risico-afbakening per sector, op ondernemingsniveau, per geografie en per grondstof, waardoor gerichte maatregelen kunnen worden genomen voor geïdentificeerde risico's.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Bij materiële negatieve impacts identificeert Ontex in de pre-screeningfase wijdverspreide en uiteindelijk systemische impacts per land, sector en grondstof, om richting te geven aan het bedrijf en duidelijk te maken waar de focus moet liggen. Voor leveranciers die actief zijn in hoogrisicolanden analyseert Ontex de impacts grondig om te bepalen of ze verband houden met individuele incidenten of met specifieke zakelijke relaties.
Belangrijkste fasen en belanghebbenden in de waardeketen
De werknemers in de waardeketen worden beschouwd als essentiële belanghebbenden wier rechten, perspectieven en belangen integraal deel uitmaken van de activiteiten van Ontex. Een impactanalyse op het gebied van mensenrechten heeft aan het licht gebracht welke specifieke groepen binnen de toeleveringsketen het meest worden getroffen door de
bedrijfspraktijken van de onderneming, waaronder jonge, tijdelijke en migrerende werknemers. Deze groepen kunnen in elk land aanwezig zijn en betrekking hebben op verschillende grondstoffen en sectoren. Dit zijn de mogelijke types van werknemers op wie de activiteiten en waardeketen van Ontex een materiële impact hebben:
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Fasen van dewaardeketen | Inkoop vangrondstoffen | Leveranciers & logistiek | Productieproces | Magazijn & distributie | Retail, markt &consumptie | Einde-levensfase enafvalbeheer |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Belangrijksteactiviteiten | Inkoop van grondstoffen,waaronder katoen enSAP.Productie vankleefstoffen enverpakkingsmaterialen. | Transport vangrondstoffen vanleveranciers naarproductiefaciliteiten ende opslag ervan. | Verwerking vangrondstoffen inabsorberendehygiëneproducten viaprocessen zoals layering. | Opslag van afgewerkteproducten in magazijnenen distributie naarklanten. | Verkoop van afgewerkteproducten viaretailkanalen en leveringaan instellingen in degezondheidszorg. | Verwijdering of recyclingvan gebruikte producten. |
| Betrokkenbelanghebbenden | Grondstoffen-enproductiewerknemers,aannemers, lokalegemeenschappen,regelgevende instantiesen ngo's. | Transport-en logistiekewerknemers, lokalegemeenschappen,regelgevende instantiesen ngo's. | Ontex-werknemers,aannemers, lokalegemeenschappen,regelgevende instantiesen ngo's. | Magazijn-en logistiekewerknemers, aannemers,lokale gemeenschappenen regelgevendeinstanties. | Instellingen van degezondheidszorg,retailpartners en andereklanten, lokalegemeenschappen enregelgevende instanties. | Instellingen van degezondheidszorg,consumenten ofeindgebruikers, lokalegemeenschappen enregelgevende instanties. |
Due-diligenceprogramma voor leveranciers en programma voor ethische inkoop
Ontex respecteert de internationale normen op het vlak van mensen- en arbeidsrechten en volgt de UN Guiding Principles on Business and Human Rights. Due diligence op het vlak van mensenrechten en milieu is cruciaal om te garanderen dat alle rechten worden gerespecteerd en geen schade wordt aangericht. Conform het due-diligence-kader in 6 stappen van de OESO [ 65] identificeert Ontex algemene en systemische risico's die verband houden met de landen waar de onderneming invloed heeft, haar economische activiteiten en neemt ze gepaste maatregelen om daadwerkelijke of potentiële materiële negatieve impacts voor werknemers in de waardeketen aan te pakken.
Arbeids- en sociale risico's
De productiesector kan te maken krijgen met hoge arbeidsrechtenrisico's door zwakke handhaving van regelgeving, economische instabiliteit en sociale ongelijkheid, vooral in complexe geopolitieke contexten of bedrijfsactiviteiten. Deze omstandigheden kunnen
werknemers blootstellen aan risico's of nadelige impacts met betrekking tot gezondheid en veiligheid, vrijheid van vereniging, discriminatie, arbeidsuren en lonen. Deze kwesties vertalen zich vaak in systemische sociale ongelijkheden, angst voor represailles en ongelijke verloning, en veroorzaken daarnaast onder meer beperkte kansen, fysieke en mentale belasting en verhoogde financiële onzekerheid.
Bedrijfsethiek en risico's inzake deugdelijk bestuur
Matige risico's kunnen ontstaan door hiaten in ethische praktijken en deugdelijk bestuur. Gebrek aan handhaving of inconsistente toepassing van ethische normen kan leiden tot onduidelijke loonbeleid, ondermaatse arbeidsomstandigheden en een gebrek aan transparantie. Deze uitdagingen kunnen verergerd worden door percepties van corruptie in de publieke sector, die de handhaving van ethische bedrijfsstandaarden ondermijnen. Daardoor wordt de capaciteit om de rechten van werknemers te beschermen en de bedrijfsintegriteit te waarborgen ernstig beperkt.
[65] Het due-diligence-kader in 6 stappen van de OESO is een uitgebreide methodologie die wordt beschreven in de OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen en verder wordt toegelicht in de OESO due Diligencehandreiking voor maatschappelijk verantwoord ondernemen.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Kwetsbare werknemers
Bepaalde werknemers in de waardeketen van Ontex zijn sterker blootgesteld aan nadelige impacts door hun demografische of geopolitieke context. Tot deze groepen behoren vakbondsleden, migrerende werknemers, vrouwen en jonge werknemers, die specifieke uitdagingen kunnen ondervinden zoals beperkte onderhandelingsmacht, oneerlijke arbeidsomstandigheden of beperkte toegang tot beschermingsmechanismen.
Hoogrisicogebieden
Het bedrijf heeft landen en sectoren binnen zijn waardeketen geïdentificeerd met significante risico's op kinderarbeid en gedwongen arbeid, gebruikmakend van Radar[66] , het risicobeoordelingsinstrument van Sedex. Meer specifiek werden China, Turkije en Saoedi-Arabië geïdentificeerd voor gedwongen arbeid, India voor kinderarbeid en gedwongen arbeid, en Thailand voor arbeidsuitbuiting.
Bepaalde grondstoffen, zoals katoen, brengen eveneens hoge risico's met zich mee in regio's zoals China, Pakistan, Oezbekistan, Benin, Burkina Faso, Tadzjikistan, Kazachstan en Turkmenistan. De katoenproductie in deze gebieden wordt vaak in verband gebracht met gedwongen arbeid onder overheids- of institutionele druk, wat de autonomie van werknemers ondermijnt.
Kwetsbare werkneemstergroepen en specifieke risico's
Ontex erkent dat bepaalde groepen werknemers specifieke aandacht vereisen vanwege verhoogde risico's:
- Jonge werknemers (14–18 jaar): Vooral in de katoenwaardeketen worden jonge werknemers geconfronteerd met uitbuiting in regio's waar kinderarbeid veel voorkomt.
- Werknemers in hoogrisicoregio's: Productielocaties in Centraal-Azië en Zuid-Azië zijn blootgesteld aan gedocumenteerde arbeidsrechtenschendingen.
- Vrouwelijke werknemers: Gendergebonden uitdagingen, waaronder discriminatie, ongelijke verloning en gebrek aan bescherming tijdens zwangerschap en moederschap, treffen vrouwen in zowel de productie- als landbouwsector.
In het kader van zijn Human Rights Due Diligence-programma implementeert Ontex een reeks initiatieven om nadelige impacts en mensenrechtenrisico's te voorkomen en te mitigeren. Deze omvatten sociale audits door derden (SMETA), systemen voor leveranciersmonitoring, nalevingsmaatregelen, evenals gendersensitieve audits, trainingen en beleid dat gendergelijkheid bevordert en de rechten van vrouwen beschermt.
Monitoring en evaluatie
Om systemische, individuele of wijdverbreide negatieve impacts te monitoren, gebruikt Ontex externe hulpmiddelen, de risicoanalysetool Radar van Sedex en het EcoVadis-platform. Zo kunnen we hardnekkige, sectorbrede risico's identificeren, vooral in gebieden waarvan bekend is dat ze mensenrechtenproblemen hebben. Individuele incidenten die van invloed kunnen zijn op de activiteiten of relaties van de onderneming worden opgevolgd, zoals arbeidsongevallen of verstoringen in de toeleveringsketen. Daarnaast worden specifieke impacts van belangrijke leveranciers gemonitord via EcoVadis 360-oplossingen.
Door die kwetsbare groepen te identificeren, tracht Ontex een beter inzicht te krijgen in de risico's en kansen binnen haar waardeketen, zodat ze efficiëntere maatregelen kan nemen om de betrokken werknemers te beschermen en mondiger te maken.
SUS-4.2.3 Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen
Ontex verbindt zich ertoe transparant te zijn over haar openbare verbintenissen en beleidslijnen met betrekking tot werknemers in de waardeketen en haar eigen activiteiten. De onderneming wil deze beleidslijnen afstemmen op de UN Guiding Principles on Business and Human Rights (UNGP's), de Verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) inzake fundamentele principes en rechten op het werk en de OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen.
De processen en mechanismen om de naleving te controleren van de UN Guiding Principles on Business and Human Rights, de Verklaring van de IAO inzake fundamentele principes en rechten op het werk en de OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen maken deel uit van een uitgebreide en systematische benadering binnen ons due-diligencekader voor leveranciers. Deze benadering omvat belangrijke componenten zoals:
[66] Radar is de risicoanalysetool van Sedex die is ontworpen om bedrijven te helpen risico's met betrekking tot arbeidsnormen, gezondheid en veiligheid, milieu en bedrijfsethiek binnen hun toeleveringsketen te
identificeren en te beheren. De tool deelt landen en gebieden in op basis van de waarschijnlijkheid van problemen zoals kinderarbeid, gedwongen arbeid en andere mensenrechtenkwesties, op basis van gegevens uit verschillende bronnen.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
-
Verantwoord ondernemen verankeren in beleidsregels en beheersystemen.
-
Ongunstige impacts in de activiteiten en toeleveringsketen identificeren en beoordelen via risicoanalyses, audits in de faciliteiten van Ontex en audits bij leveranciers, en ESGprestatiebeoordelingen.
-
Ongunstige impacts beëindigen, voorkomen of beperken of zorgen voor herstel.
-
Gevolgen van invoering op resultaten meten.
-
Communiceren over hoe impacts worden aangepakt.
Om de materiële impacts op werknemers in de waardeketen van Ontex te beheren, werden de volgende beleidsregels ingevoerd:
| Beleid en verklaringen | Doel | Impacts, risico's en kansen | Perimeter |
|---|---|---|---|
| Gedragscode voor | •De specifieke verwachtingen opleggen voor ethisch, sociaal en ecologisch gedrag waaraan alle | •Geweld en intimidatie op de werkvloer | Alle |
| leveranciers | leveranciers zich moeten houden. | •Vrijheid van vereniging en collectieve | leveranciers |
| •Ervoor zorgen dat de toeleveringsketen op een verantwoorde manier werkt, in overeenstemming | onderhandelingen | ||
| met de waarden van Ontex en internationaal erkende normen. | •Kinderarbeid en jonge werknemers | ||
| •Belangrijkste aandachtsgebieden:•Mensenrechten en arbeidsnormen | •Gedwongen arbeid en moderne slavernij | ||
| •Milieubescherming | •Gezondheid en veiligheid | ||
| •Ethische bedrijfspraktijken | •Eerlijke lonen | ||
| •Monitoring en verbetering | •Gegevensbescherming en privacy | ||
| •Wettelijk referentiekader, Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de VerenigdeNaties (VN) (1948); Verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie inzake fundamenteleprincipes en rechten op het werk (ILO) (2017); UN Guiding Principles on Business and Human Rights(2011); OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen (2011); OESO Due-diligencehandreiking voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (2018) | •Gezonde omgeving | ||
| Vereisten inzake | •Om ervoor te zorgen dat de toeleveringsketen van Ontex grondstoffen inkoopt op een manier die | •Mensenrechten en arbeidsrechten | Alle |
| ethisch inkoop | in overeenstemming is met de normen op het vlak van duurzaamheid, ethische praktijken en | •Verantwoordelijkheid voor het milieu | leveranciers |
| mensenrechten. Deze vereisten zijn vooral gericht op de inkoop van hernieuwbare enverantwoorde grondstoffen uit risicolanden, waar de kans op negatieve gevolgen groter kan zijn. | •Reputatierisico | ||
| •Compliance | |||
| •Relaties met leveranciers | |||
| •Operationele veerkracht | |||
| Wereldwijd | •Leveranciers een uitgebreide handleiding geven over de operationele normen, | •Operationele efficiëntie | Alle |
| leveranciers-en | regelgevingsverwachtingen en complianceprocedures van Ontex, met inbegrip van risicobeheer en | •Overleg met en ontwikkeling van leveranciers | leveranciers |
| verkopershandboek | praktijken voor voortdurende verbetering. | •Naleving van regelgeving | |
| •Hetzelfde wettelijk referentiekader als het Mensenrechtenbeleid en de Gedragscode voorleveranciers van Ontex. | •Reputatie en concurrentievoordeel |
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Beleid en verklaringen | Doel | Impacts, risico's en kansen | Perimeter |
|---|---|---|---|
| Verklaring over | •De verbintenis van Ontex bekendmaken om moderne slavernij en mensenhandel te voorkomen. | •Mensenrechten en arbeidsrechten | Alle |
| moderne slavernij | Leveranciers moeten zich houden aan arbeidsrechten en praktijken inzake eerlijke behandeling, in | •Reputatie | leveranciers |
| lijn met internationale mensenrechtennormen. | •Beheer van juridische en compliancerisico's | ||
| •Wettelijk kader aansluitend bij de Gedragscode, de internationaal erkende normen en | •Verstoringen en risico's in de | ||
| standaarden, waaronder de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, internationale | toeleveringsketen | ||
| arbeidsnormen en OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen. |
Raadpleeg ons Mensenrechtenbeleid en onze Gedragscode voor leveranciers voor meer informatie over hoe Ontex omgaat met kwesties, zoals mensenhandel, gedwongen of verplichte arbeid en kinderarbeid. Deze documenten zijn beschikbaar in deel SUS-4.2.3.
Alle beleidsregels zijn beschikbaar op de bedrijfswebsite van Ontex, met verwijzingen naar de afdeling die verantwoordelijk is voor de doeltreffendheid ervan. Tot op heden zijn er geen gevallen geweest van niet-naleving van de UNGP's, de IAO-verklaring inzake fundamentele principes en rechten op het werk of de OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen met betrekking tot werknemers in de waardeketen van de onderneming. Ontex blijft zich inzetten voor een voortdurende monitoring en due diligence om deze internationale normen in haar hele waardeketen te handhaven.
SUS-4.2.4 Processen om met werknemers in de waardeketen te overleggen over impacts
Het due-diligenceprogramma voor leveranciers van Ontex beschouwt overleg met belanghebbenden als een centraal element van het due-diligenceproces. De onderneming erkent dat ze een rol speelt in een breder ecosysteem en communiceert dan ook actief met een breed scala aan belanghebbenden, waaronder werknemers, aannemers, uitzendkrachten, leveranciers en lokale gemeenschappen. Overleg kan gaan van een informele dialoog tot een strategisch partnerschap om te verzekeren dat belanghebbenden waar nodig worden gehoord en betrokken. Meer informatie over de benadering van de belangrijkste belanghebbenden en hun betrokkenheid is te vinden in deel SUS-2.3.2.
Meer informatie over de verantwoordelijkheid van senior management voor overleg met leveranciers is te vinden in deel SUS-2.6.1.
Belangrijkste overlegfases
Ontex gebruikt inzichten van uitgebreide risicobeoordelingen op het vlak van mensenrechten om tegemoet te komen aan de behoeften van de werknemers in haar waardeketen. Dankzij deze beoordelingen, gebaseerd op een risicogebaseerde due-diligence-analyse [67] en proactief overleg met belanghebbenden. Ontex geeft de voorkeur aan een voortdurende dialoog om er zeker van te zijn dat aan de verwachtingen voldaan wordt. De onderneming zet zich ook samen met haar leveranciers in voor de bescherming van de werknemers in de hele waardeketen. Zakenpartners spelen een belangrijke rol om deze verwachtingen over te brengen zodat er op elk niveau beschermende maatregelen worden genomen. In de toekomst is Ontex van plan om deze verbintenis te versterken door officiële en geloofwaardige vertegenwoordigers nauwer te betrekken zodat haar inspanningen meer resultaten opleveren.
De volgende stappen waarborgen de implementatie van het due-diligenceproces van het bedrijf inzake mensenrechten:
- Goedkeuring van nieuwe leveranciers en productievestigingen: In deze fase vullen leveranciers een vragenlijst in met betrekking tot kwaliteit en ESG-aspecten, waardoor Ontex kan beoordelen hoe zij milieu-, sociale en ethische impacts beheren. Tijdens de onboarding vindt één virtuele bijeenkomst plaats om de verwachtingen rond ethische en duurzame sourcing toe te lichten. Aanvullende vergaderingen worden ingepland wanneer er specifieke noden of kwesties opduiken.
- Voortdurende leveranciersbetrokkenheid: Regelmatige activiteiten omvatten jaarlijkse webinars voor leveranciers, ESG-dataverzameling via vragenlijsten, deelname aan duurzaamheidsfora, ESG-presentaties door belangrijke leveranciers,
Russische activiteiten, zijn gebaseerd op onze uitgebreide managementaanpak, die het engagement voor werknemers in de waardeketen, consumenten en eindgebruikers, en de algemene bedrijfsvoering omvat.
[67] Ontex heeft beperkingen in de directe benadering van klant- en leveranciersspecifieke gegevens voor zijn Russische entiteit als gevolg van Europese sancties. Echter, de rapportage in dit CSRD-rapport, inclusief de
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
klachtenmechanismen, sociale audits en directe feedback tijdens leveranciersbeoordelingen.
• Productielocaties in landen met hoog risico: Gerichte vergaderingen met leveranciers in risicovolle regio's behandelen specifieke risico's, identificeren potentiële impacts en stellen preventieve en mitigerende actieplannen op.
Deze processen bevorderen transparantie, verantwoording en de beperking van risico's voor werknemers in de hele waardeketen. Hoewel er nog geen formele Global Framework Agreements met vakbondsfederaties zijn afgesloten, stimuleert Ontex een transparante dialoog met werknemers in de volledige waardeketen.
Verantwoordelijkheden voor overleg
Het Core Compliance Team is operationeel verantwoordelijk voor de behandeling van klachten die binnenkomen via de klachtenmechanismen van de onderneming en zorgt ervoor dat gemelde problemen waarbij werknemers uit de waardeketen betrokken zijn grondig worden geëvalueerd en aangepakt.
De Groupspecialist Verantwoordelijke Inkoop, een lid van het Duurzaamheidsteam, houdt toezicht op de resultaten van sociale audits die worden uitgevoerd bij leveranciers in hoogrisicolanden. Deze functie stuurt ook onze benadering van sociale impacts in de waardeketen zodat die in lijn is met de internationale normen en bedrijfsdoelstellingen.
Effectiviteit beoordelen
De effectiviteit van het overleg van Ontex met werknemers in de waardeketen wordt via verschillende mechanismen geëvalueerd:
- Publieke communicatie: Ontex rapporteert over kritieke maatstaven (KPI's) met betrekking tot de risicogebaseerde due-diligence-analyse, overleg met werknemers, inclusief de deelname van leveranciers aan ESG-evaluaties en de resultaten van externe audits. Volledig transparante informatie is te vinden in de Verklaring inzake moderne slavernij en het jaarverslag van Ontex. Het jaarverslag geeft ook meer informatie over de voortgang ten opzichte van de KPI's en due-diligence-inspanningen.
- Continue feedback: feedback van werknemers, leveranciers en andere belangrijke belanghebbenden wordt actief gemonitord om de overlegprocessen bij te sturen en te verbeteren.
SUS-4.2.5 Processen om negatieve impacts te herstellen en kanalen voor werknemers in de waardeketen om problemen te melden
Ontex verbindt zich ertoe duidelijke en toegankelijke kanalen te voorzien waar alle belanghebbenden, ook werknemers in de waardeketen, hun bezorgdheid kunnen melden over vermoedelijk wangedrag, onethisch gedrag of schendingen van de Ethische gedragscode of de Gedragscode voor leveranciers. Werknemers worden aangemoedigd om mogelijke schendingen van waarden, beleidsregels en toepasselijke wetten te melden.
Om de werknemers in de waardeketen te ondersteunen, stelt Ontex een klachtenmechanisme ter beschikking. Via dit vertrouwelijke platform kunnen ze hun bezorgdheid uiten of een mogelijke schending van onze Ethische gedragscode melden.
Leveranciers worden via de Gedragscode voor leveranciers geïnformeerd over de klachtenmechanisme en zijn verplicht om deze informatie door te geven aan hun werknemers. Om de effectiviteit te garanderen, wordt een uitgebreid actieplan opgesteld om de niet-naleving in zowel de sites als bij de leveranciers vast te stellen. Dit plan houdt rekening met de resultaten van externe sociale audits en gemelde problemen worden bijgehouden en gemonitord via deze audits en via ESG-prestatieplatforms.
Meer informatie over hoe het Ontex Whistleblower/Speak-Up-kanaal toegankelijk is voor werknemers in de waardeketen en hoe het toegankelijkheid en vertrouwelijkheid waarborgt, is te vinden in deel SUS-4.1.5.
SUS-4.2.6 Acteren op materiële impacts, risico's en kansen: werknemers in de waardeketen
Ontex verbindt zich ertoe om negatieve impacts voor werknemers in de waardeketen te voorkomen en te beperken via proactieve acties in het kader van de pijler 'Good for the People' van haar duurzaamheidsstrategie. In 2025 heeft de onderneming menselijke, technische en materiële middelen vrijgemaakt om mensenrechten te bevorderen en de veerkracht en transparantie van de toeleveringsketen te verbeteren.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Terugkerende maatregelen
- Risicoanalyse met behulp van de Radar-tool van Sedex: aandachtsgebieden zijn onder meer kinderarbeid en gedwongen arbeid, vrijheid van vereniging en collectieve onderhandelingen, gezondheid en veiligheid, gendergelijkheid en gelijke beloning bij gelijkwaardig werk, arbeidsomstandigheden, intimidatie, diversiteit en inclusie. Op basis van de risicoanalyse werden preventieve en risicobeperkende maatregelen genomen om de ethische praktijken, arbeidsomstandigheden en ecologische duurzaamheid te verbeteren. Het actieplan om materiële risico's met betrekking tot werknemers in de waardeketen te beperken en de effectiviteit van de maatregelen te monitoren, omvat:
- Updates van de belangrijkste beleidsregels: herzien van de Verklaring inzake moderne slavernij en Beleid voor remediëring van kinderarbeid
- Ethische en duurzame aankooppraktijken: voorrang geven aan leveranciers van biologisch katoen en controleren op kinder- en gedwongen arbeid.
- Capaciteitsopbouw en transparantie van leveranciers: samenwerken met leveranciers die voldoen aan de ethische sourcingprincipes van Ontex en het uitvoeren van regelmatige, onafhankelijke audits vereisen om de standaarden en transparantie te waarborgen.
- Praktijken inzake ESG-monitoring: geselecteerde leveranciers worden uitgenodigd om deel te nemen aan het EcoVadis-platform. Via de EcoVadis-rating voert de onderneming een uitgebreide screening uit van meer dan 100.000 openbare bronnen om teams op de hoogte te houden van ontwikkelingen op het vlak van duurzaamheid in de toeleveringsketen.
- Sociale audits door derden: in alle productiesites worden sociale audits uitgevoerd met het Sedex-programma Members Ethical Trade Audit (SMETA).
- Verbintenissen op het vlak van privacy: de privacy van belanghebbenden wordt gewaarborgd via de Ethische gedragscode, de Gedragscode voor leveranciers, interne procedures en actieplannen om te acteren op materiële impacts, risico's en kansen met betrekking tot werknemers in de waardeketen.
- Groupspecialist Verantwoordelijke Inkoop: een deskundige op het gebied van ethisch inkopen wijst voldoende middelen toe om impactbeperkende maatregelen in te voeren en te beheren.
- Due-diligenceprogramma voor leveranciers: sinds 2024 identificeert en behandelt een due-diligenceprogramma op het gebied van mensenrechten (Human Rights Due Diligence - HRDD) ongunstige impacts op mensenrechten, arbeidsrechten en milieu in de
toeleveringsketen. Dit gebeurt om een uitgebreid overzicht te bieden en verantwoorde praktijken aan te moedigen.
- Multidisciplinaire benadering: via een functie-overschrijdende benadering van impactbeheer worden mitigerende maatregelen opgenomen in de beheersplannen en worden MSG-criteria opgenomen in het onboarding-proces voor leveranciers.
- Belanghebbendenbetrokkenheid: tijdens een dialoog worden onze zakenpartners geïnformeerd over due-diligenceprincipes, gewezen op de risico's en aangespoord om zich samen met ons in te zetten om de risico's te beperken. Alle leveranciers van grondstoffen en verpakkingen moeten een zelfevaluatie invullen op het EcoVadis-platform, waarin de belangrijkste ESG-criteria aan bod komen.
- Bijgewerkte beleidsregels: de Modern Slavery Statement wordt jaarlijks herzien en geactualiseerd.
- Duurzaam inkopen: Procurement geeft de voorkeur aan leveranciers met gecertificeerde producten die voldoen aan erkende duurzaamheidsnormen, zoals FSC, PEFC, GOTS, OCS en REDcert.
Ontex houdt van bij de inkoop van de grondstoffen actief rekening met de mogelijke impacts voor werknemers in de waardeketen en zorgt ervoor dat de afdeling Procurement goed op de hoogte is van de risico's die gepaard gaan met een samenwerking met leveranciers uit risicogebieden. Onze Gedragscode en de vereisten voor ethisch verantwoord inkopen beschrijven de voorwaarden waaronder zakenrelaties kunnen worden beëindigd, met name in geval van systematische niet-naleving van de normen inzake mensenrechten en als impacts niet kunnen worden beperkt door middel van gezamenlijke actieplannen.
Ontex meet de effectiviteit van haar maatregelen via regelmatige risicobeoordelingen, beleidsupdates en externe audits. Belangrijke maatstaven zijn onder andere compliance van leveranciers, auditresultaten en deelname aan platforms zoals EcoVadis. Aan de hand van due diligence inzake duurzame inkopen en mensenrechten, kunnen we voortdurend blijven verbeteren. Ook via overleg met belanghebbenden, feedback van werknemers en impactanalyses op lange termijn kunnen we de voortgang bijhouden.
Ontex heeft diverse en aanzienlijke economische en personele middelen ingezet om de materiële impacts te beheren. Zo hebben we bijvoorbeeld een nieuwe functie gecreëerd om ongunstige impacts op de mensenrechten in de waardeketen te identificeren en te monitoren; we hebben belangrijke beleidsregels bijgewerkt om deze risico's te voorkomen en te beperken; we gebruiken tools om de risico's en de bijbehorende corrigerende maatregelen op te volgen, zoals het SEDEX-platform, EcoVadis en audits door derden die Ontex in haar fabrieken uitvoert op basis van de SMETA-methodologie.
In 2025 identificeerde de onderneming, via de toepassing van de vastgelegde methodologie voor human rights due diligence, een schending van haar Human Rights Policy: het eerste zero-tolerance-geval met betrekking tot gedwongen arbeid bij een leverancier van grondstoffen in het Midden-Oosten. Om deze uitzonderlijke situatie aan te pakken, ging Ontex nauw in dialoog met de leverancier om de hoofdoorzaak vast te stellen, inzicht te krijgen in de omstandigheden die tot de schending hebben geleid en passende herstelmechanismen te bespreken, samen met verificatie door een derde partij voor de afsluiting. Als onderdeel van het corrigerend traject en het risicobeperkingsplan heeft de leverancier zich ertoe verbonden een SMETA-audit te ondergaan om de huidige situatie ter plaatse onafhankelijk te verifiëren en de effectieve implementatie van de corrigerende maatregelen te bevestigen.
SUS-4.2.7 Maatstaven en doelen
Doelen
.

Ontex bevordert de mensenrechten in zijn volledige waardeketen en streeft ernaar de levensstandaard te verbeteren, zoals weerspiegeld wordt in de doelstellingen die het heeft vastgelegd.
De eerste doelstelling werd al in 2023 bereikt, met 100% van de grondstoffenleveranciers van het bedrijf die de Supplier Code of Conduct hebben ondertekend. Ontex blijft zich ertoe verbinden dit streefcijfer op 100% te behouden en zo zijn engagement te versterken om een verantwoord opererende toeleveringsketen te garanderen die in lijn ligt met de waarden van Ontex en voldoet aan internationaal erkende standaarden.
Hoewel er geen specifieke doelen zijn vastgelegd voor baanzekerheid, werktijden, leefbaar loon, sociale dialoog, vrijheid van vereniging, collectieve onderhandelingen, werk-privébalans, gezondheid en veiligheid, gendergelijkheid en gelijke beloning bij gelijkwaardig werk, opleiding en ontwikkeling van vaardigheden, werkgelegenheid voor en inclusie van mensen met een beperking, maatregelen tegen geweld en intimidatie op de werkvloer en diversiteit, worden deze materiële thema's zorgvuldig geëvalueerd als onderdeel van de algemene doelen van Ontex om de vooruitgang te sturen en de naleving te controleren.
Proces voor het vastleggen, monitoren en verbeteren van doelen
Deze doelstellingen werden vastgesteld op basis van input van verschillende stakeholders, verzameld tijdens de dubbele materialiteitsanalyse, en ze werden gevalideerd met werknemersvertegenwoordigers tijdens de reguliere vergadering van de European Works Council (EWC). De doelstellingen werden ontwikkeld volgens een risicogebaseerd due-diligencekader dat is afgestemd op internationale mensenrechtenstandaarden en waarin de resultaten van de risicoanalyse zijn geïntegreerd. Doelstellingen met betrekking tot privacy, adequate huisvesting en water en sanitaire voorzieningen vallen buiten dit kader.
Ontex communiceert zijn doelstellingen aan leveranciers en andere stakeholders via webinars voor leveranciers, waarin het de verwachtingen toelicht en hun algemene nalevingsniveau beoordeelt. Elke doelstelling bevat een duidelijke koppeling met beleidsdoelstellingen, referentiewaarden en toepasselijke tijdshorizonten. De voortgang wordt opgevolgd via KPI's, leveranciersaudits, duurzaamheidsbeoordelingen en periodieke rapportage. Deze gegevens helpen om lacunes te identificeren, de vooruitgang te evalueren en corrigerende maatregelen te ondersteunen. De doelstellingen kunnen periodiek worden herzien op basis van evoluerende benchmarks en andere interne en externe factoren.
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissaris | Informatie over dit rapport | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Duurzame toeleveringsketen | [ 68] [ 69] | Eenheid | 2023 | 2024 | 2025 | 2025/2024 | ||
| diligenceDue | in de toeleveringsketen | |||||||
| % van hoogrisicoleveranciers met een geldige duurzaamheidsbeoordeling via EcoVadis | [ 70] | % | 50 | 83.33 | 68 | -15.33 | ||
| Negatieve impacts op mensenrechten monitoren | ||||||||
| % van leveranciers heeft de Gedragscode voor leveranciers tegen 2030 ondertekend. | % | 100 | 100 | 100 | 0 | |||
| % van nieuwe leveranciers gescreend op basis van sociale criteria | % | 100 | 100 | 100 | 0 | |||
| Leveranciers in risicolanden | N. | 61 | 30 | 25 | -5 | |||
| Percentage van risicoleveranciers met een geldig sociaal-auditverslag | % | 39 | 60 | 80 | +20 |
[68] Zoals beschreven in het due-diligenceprogramma voor leveranciers is de focus op risicoleveranciers beperkt tot productiesites van grondstoffen op groepsniveau. Voor leveranciers met dit risicoprofiel worden actieplannen uitgewerkt, zodat risico's gericht en effectief worden beperkt.
[69] Ontex heeft beperkingen in de directe benadering van klant- en leveranciersspecifieke gegevens voor zijn Russische entiteit als gevolg van Europese sancties. Echter, de rapportage in dit CSRD-rapport, inclusief de Russische activiteiten, zijn gebaseerd op onze uitgebreide managementaanpak, die het engagement voor werknemers in de waardeketen, consumenten en eindgebruikers, en de algemene bedrijfsvoering omvat.
[70] Het due-diligenceprogramma voor leveranciers zal systematisch worden toegepast, ook voor risicoleveranciers van grondstoffen en verpakkingen, maar niet voor leveranciers die betrokken zijn bij de uitbesteding van producten en de handel in goederen.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
SUS-4.3 ESRS S4: Consumenten en eindgebruikers
SUS-4.3.1 Belangen en opvattingen van belanghebbenden
Consumenten zijn belangrijke belanghebbenden voor Ontex. De onderneming erkent dat het belangrijk is om hen te raadplegen en hun feedback in haar strategieën te verwerken.
Ontex pleegt op verschillende manieren overleg met haar werknemers in de waardeketen, zoals beschreven in deel SUS-4.2.4.
SUS-4.3.2 Materiële impacts, risico's en kansen en de wisselwerking daarvan met de strategie en het businessmodel van Ontex
Ontex engageert zich voor het welzijn van haar consumenten en de gemeenschappen waarin ze actief is. De onderneming heeft twee aandachtspunten, productveiligheid en -kwaliteit en een zinvol overleg met gemeenschappen, om in te spelen op individuele en maatschappelijke behoeften en tegelijkertijd te voldoen aan de CSRD-eisen om de zorgen van consumenten en eindgebruikers op een evenwichtige manier aan te pakken.
Ontex engageert zich om de privacy, de veiligheid en het welzijn van de consument te beschermen en tegelijkertijd ethische bedrijfspraktijken te garanderen. Hoewel haar hygiëneproducten op zich geen persoonlijke gegevens verwerken, wordt voor bepaalde diensten, zoals garantieregistraties, productfeedback en klantenondersteuning, wel consumenteninformatie verwerkt. Om de privacy te waarborgen, houdt Ontex zich aan strenge voorschriften inzake gegevensbescherming, neemt ze robuuste cyberbeveiligingsmaatregelen en hanteert ze een transparant privacy-beleid. Haar marketingstrategieën zijn ethisch en nietdiscriminerend om elke negatieve impact op de rechten van de consument te vermijden.
Sommige consumenten zijn bijzonder kwetsbaar voor gezondheids- en privacy-risico's, zoals kinderen, financieel zwakkere personen en individuelen die voor het eerst vrouwelijke hygiëneproducten gebruiken. Duidelijke productinformatie, met name over het gebruik van tampons en de risico's van het toxische-shocksyndroom, is een prioriteit. Ook ouderen en patiënten vertrouwen op de producten van Ontex voor hun waardigheid en levenskwaliteit. Om de risico's te beperken, zorgt Ontex voor transparante productinfo, verantwoorde marketingpraktijken en toegankelijkheid zonder afbreuk te doen aan kwaliteit of veiligheid.
Een grondige beoordeling heeft uitgewezen dat Ontex geen wijdverbreide of systemische negatieve impacts heeft vastgesteld. Potentiële risico's met betrekking tot gezondheid, privacy of betaalbaarheid worden zorgvuldig beheerd door middel van strenge veiligheidsnormen, duurzaamheidsinitiatieven en toezicht op naleving. Hoewel er geen significante negatieve impacts in verband zijn gebracht met specifieke incidenten of zakenrelaties, evalueert Ontex voortdurend de risico's via feedback van consumenten en regelgevend toezicht.
De afhankelijkheid van Ontex van consumenten houdt ook risico's en kansen in. Strikte normen op het vlak van productveiligheid handhaven is cruciaal om het vertrouwen van de consument te behouden en de toenemende vraag naar duurzame producten vraagt om voortdurende innovatie. Economische uitdagingen kunnen de betaalbaarheid beïnvloeden, maar Ontex blijft zich inzetten om hygiënische oplossingen van hoge kwaliteit te bieden. De verschuiving naar milieuvriendelijke producten en recyclebare verpakkingen biedt kansen voor marktleiderschap, terwijl initiatieven rond menstruatiearmoede en ouderenzorg de maatschappelijke impact van de onderneming versterken.
Door die risico's te beheren en kansen te benutten, versterkt Ontex haar engagement voor het welzijn van consumenten, duurzaamheid en ethische bedrijfspraktijken.
- Toezeggingen op het vlak van consumentengezondheid, veiligheid en kwaliteit: De veiligheid van de consumenten en de kwaliteit van de producten staan centraal in de activiteiten van Ontex. Risico's met betrekking tot chemische sporen in grondstoffen of productieprocessen, zoals kleefstoffen, inkt of afwerkingsmiddelen, worden tot een minimum beperkt door strenge selectie, validatie en controle. Het kwaliteitsbeheersysteem van de onderneming is gericht op voortdurende verbetering, terwijl we feedback van consumenten benutten om onze producten te verbeteren. Aangezien producten voor persoonlijke hygiëne op gevoelige delen van het lichaam worden gebruikt, investeert Ontex massaal in de veiligheid van deze producten. Onderzoek naar de impact van haar producten op de gezondheid en de hygiëne benadrukt de onwrikbare verbintenis van Ontex op het vlak van productbeheer en verantwoordelijkheid.
- Transparantie over chemische veiligheid & productsamenstelling: Ontex bevordert duurzame praktijken en neemt actief deel aan het beheerprogramma van EDANA om transparantie en strikte normen voor chemische veiligheid en productsamenstelling te promoten. Consumenten hebben het recht om te weten wat er in hun producten zit en Ontex steunt initiatieven rond volledige transparantie zodat ze weloverwogen keuzes kunnen maken. Als we niet voldoen aan veiligheids- of transparantienormen zou dat kunnen leiden tot reputatieschade of boetes, vandaar dat deze inspanningen zo belangrijk zijn.
- Consumentgerichte betrokkenheid en transparantie: Ontex houdt rekening met de feedback van consumenten om de kwaliteit, de veiligheid en de duurzaamheid van de producten te sturen. Door nauw samen te werken met retailers en belanghebbenden in de sector, zorgt de onderneming ervoor dat haar producten voldoen aan de verwachtingen van de consumenten en vertrouwen opbouwen door middel van transparante en verantwoordelijke praktijken.
- Betrokkenheid van gemeenschappen: Ontex beseft dat eindgebruikers bedrijven waarderen die een positieve bijdrage leveren aan de maatschappij. In lijn met de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de VN neemt Ontex deel aan gemeenschapsinitiatieven om maatschappelijke uitdagingen aan te pakken, zoals menstruatie-armoede, de overgang naar de menopauze en de inclusie van ouderen.
Door betaalbare hygiëneproducten aan te bieden, steunt de onderneming kwetsbare groepen, waaronder meisjes en vrouwen die weinig geld hebben voor menstruatieproducten en mensen die lijden aan incontinentie. Zo gaan we de strijd aan tegen isolement en bevorderen we de waardigheid en gezondheid. Lokale maatschappelijke acties, zoals vrijwilligersinitiatieven op site- of bedrijfsniveau en donaties van geld of producten, hebben tot doel om maatschappelijke en ecologische uitdagingen aan te gaan. Door bijvoorbeeld producten voor persoonlijke hygiëne te doneren, krijgen meisjes en vrouwen met financiële problemen toegang tot de nodige verzorgingsproducten.
Dit engagement om maatschappelijke uitdagingen aan te gaan, is nauw vervlochten met het DNA van Ontex en weerspiegelt haar toewijding om een tastbare, positieve impact te creëren in de gemeenschappen waar de onderneming actief is.
Van alle impacts die aan het licht zijn gekomen in de dubbele materialiteitsanalyse voortkomend uit activiteiten, waardeketen, producten, diensten en zakenrelaties - wordt bevestigd dat ze relevant zijn voor alle consumenten en eindgebruikers.
Risico's beheersen en kansen benutten in absorberende hygiëneproducten
Absorberende hygiëneproducten, zoals babyluiers, maandverband, tampons en incontinentieproducten, verbeteren het comfort, de waardigheid en de levenskwaliteit. Hoewel deze producten zijn ontworpen voor een betrouwbare prestatie, houden ze zeer beperkte potentiële risico's in die zorgvuldig beheerd moeten worden. Door deze risico's aan te pakken en innovatie te stimuleren, wil Ontex tegemoetkomen aan de behoeften van consumenten en tegelijk standaarden vastleggen op het vlak van veiligheid, duurzaamheid en uitmuntendheid.
Belangrijkste geïdentificeerde risico's
Ontex heeft voor bepaalde groepen specifieke risico's afgebakend op basis van kenmerken en productgebruik:
- Gebruikers met een gevoelige huid: langdurig contact met ontlasting of urine kan leiden tot huidirritatie, maceratie of infecties, vooral bij babyluiers en incontinentieproducten. Effectieve isolatie, absorptie en pasvorm zijn essentieel om deze risico's te beperken.
- Tampongebruikers: risico's zijn onder andere toxische-shocksyndroom (TSS) door microbiële besmetting tijdens productie of gebruik. Onjuist gebruik van vervuilde producten kan de hygiëneproblemen in de hand werken.
- Nieuwe en minder goed geïnformeerde gebruikers: gebrek aan vertrouwdheid met het product kan leiden tot een verkeerd gebruik. Duidelijke instructies over productgebruik, hygiënepraktijken en verwijdering zijn van vitaal belang om risico's te verminderen en de relatie met de consument te versterken.
- Kwetsbare groepen: economisch achtergestelde groepen lopen gezondheidsrisico's door beperkte toegang tot hygiëneproducten.
- Kinderen: zuigelingen en jonge kinderen zijn een bijzonder kwetsbare groep. Ontex garandeert dat internationale veiligheidsnormen worden nageleefd door de samenstelling en veiligheid van grondstoffen streng te controleren. De Group Sustainability & Product Stewardship Director houdt toezicht op de invoering van deze maatregelen, ondersteund door regelmatige tests, interne controles en naleving van sectornormen.
Groepen die een positieve impact ondervinden
De activiteiten en waardeketen van Ontex bieden voordelen aan verschillende groepen:
- Eindgebruikers van absorberende hygiëneproducten: producten verbeteren het comfort, de veiligheid, de waardigheid en de levenskwaliteit van consumenten, vooral van kwetsbare groepen zoals baby's en ouderen. Innovaties op het gebied van absorptie, geurcontrole en huidvriendelijkheid helpen de risico's te minimaliseren en de gebruikerservaring te verbeteren.
- Kwetsbare groepen: initiatieven om betaalbare hygiëneproducten aan te bieden pakken economische ongelijkheden aan, waaronder menstruatiearmoede.
- Zorginstellingen: gespecialiseerde hygiëneproducten verbeteren de zorg en waardigheid van de patiënt.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
• Milieubewuste consumenten: producten met een ecolabel, verbeterde recyclebaarheid en innovatie in biologisch afbreekbare of recyclebare materialen maken duurzame keuzes mogelijk. Initiatieven op het gebied van de circulaire economie, zoals terugnameprogramma's, trachten de bezorgdheid over het milieu weg te nemen.
De holistische benadering van de onderneming richt zich op zowel individuele als maatschappelijke behoeften. Door van productveiligheid, duurzaamheid en maatschappelijke betrokkenheid prioriteiten te maken, biedt de onderneming uitzonderlijke waarde aan eindgebruikers en bevordert ze tegelijkertijd de maatschappelijke vooruitgang. Dankzij een robuust risicobeheer en succesvolle gemeenschapsinitiatieven vindt Ontex vol vertrouwen haar weg in een complexe wereld en verstevigt ze haar positie als leider in oplossingen voor persoonlijke hygiëne.
SUS-4.3.3 Beleid ten aanzien van consumenten en eindgebruikers
Ontex zorgt ervoor dat zijn beleid met betrekking tot consumenten en eindgebruikers in lijn is met internationaal erkende normen, waaronder de UN Guiding Principles on Business and Human Rights, de ILO-verklaring over fundamentele principes en rechten op het werk, en de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen. Deze kaders sturen de aanpak van het bedrijf op het gebied van verantwoord ondernemen, productveiligheid en ethische bedrijfsvoering in de hele waardeketen (zie deel SUS-4.2.3). Ontex rapporteert in welke mate gevallen van niet-naleving van deze principes met betrekking tot consumenten en/of eindgebruikers in de downstream waardeketen zijn gemeld. Indien dergelijke gevallen zich voordoen, geeft Ontex een indicatie van de aard ervan en de corrigerende maatregelen die zijn genomen, met als doel transparantie en voortdurende verbetering. Tot op heden zijn er geen dergelijke gevallen geregistreerd.
Ontex bewaakt actief de naleving van deze internationale normen in de downstream waardeketen. Tot nu toe zijn er geen gevallen van niet-naleving gemeld met betrekking tot de rechten van consumenten of eindgebruikers. Dit wordt bereikt door de productveiligheid te controleren, de leveranciers op te volgen en de belanghebbenden te betrekken. Daarnaast biedt het Speak Up-platform van Ontex een vertrouwelijk mechanisme om problemen te melden zodat mogelijke kwesties altijd met volledige transparantie en verantwoordelijkheid worden afgehandeld.
Door haar beleid voortdurend af te stemmen op wereldwijde normen en de naleving ervan proactief te controleren, draagt Ontex zorg voor het welzijn van consumenten, eindgebruikers en belanghebbenden in al haar activiteiten.
Door zijn beleidslijnen voortdurend af te stemmen op internationale standaarden en de naleving proactief te monitoren, onderstreept Ontex zijn engagement voor consumentenwelzijn, productveiligheid, transparantie, toegankelijkheid en duurzaamheid, terwijl het tegelijk de conformiteit met de wettelijke vereisten waarborgt:
| Beleid | Doel | Impacts, risico's, kansen | Perimeter |
|---|---|---|---|
| Beleid inzakeproductveiligheid | •Strenge veiligheidsnormen opstellen en handhaven voor de helelevenscyclus van het product, van het testen van grondstoffen totde productie.•Regelgevende en interne normen naleven om potentieel schadelijkechemicaliën te minimaliseren en biocompatibiliteit te garanderenvoor alle materialen die in contact komen met de huid. | •De veiligheid en het vertrouwen van de consumentwaarborgen•Risico op niet-naleving van regelgeving minimaliseren•Merkreputatie verbeteren•Blootstelling aan schadelijke chemicaliën beperken | Babyluiers, producten voorvrouwelijke hygiëne enincontinentieproducten voorvolwassenen |
| Strategisch | ||||
|---|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
| Beleid | Doel | Impacts, risico's, kansen | Perimeter |
|---|---|---|---|
| Wereldwijdleveranciers-enverkopershandboek | •Ontex beschouwt haar leveranciers en verkopers als essentiëlepartners om wederzijds succes te boeken. Om de transparantie enefficiëntie van de samenwerking te verbeteren en ervoor te zorgendat iedereen dezelfde waarden respecteert, heeft de onderneminghet Wereldwijd leveranciers-en verkopershandboek opgesteld.•Dit handboek dient als richtlijn en geeft een overzicht van dealgemene vereisten van de onderneming op het gebied vanproductveiligheid, leverancierskwaliteit en duurzaamheid.•Het uiteindelijke doel is te zorgen voor een betrouwbare leveringvan kwaliteitsvolle producten en duurzame praktijken. | •Relaties en samenwerking met leveranciers versterken•Verwachtingen op het gebied van kwaliteit, veiligheiden duurzaamheid doen naleven•Risico's in de toeleveringsketen beperken doortransparantie•Ethisch verantwoord inkopen en verantwoordondernemen bevorderen | Dit document is van toepassingop alle leveranciers en verkopersdie materialen leveren die bij deconsument kunnenterechtkomen, inclusiefgrondstoffen, verpakking,verhandelde goederen enleveranciers van uitbestedegoederen, gecategoriseerd als'directeuitgaven'. Daarnaastvallen producten en diensten dienoodzakelijk zijn voor debedrijfscontinuïteit van Ontex,maar die geen deel uitmaken vanhet eindproduct voor deconsument, onder 'indirecteuitgaven'. |
| Vereisten voornaleving vanregelgeving | •De veiligheidsvoorschriften en -normen schetsen waaraanproducten moeten voldoen om naleving van de regelgeving en veiliggebruik door de consument te garanderen. | •Boetes door toezichthouders en rechtszakenvoorkomen•Verkoopbaarheid en naleving van wereldwijderegelgeving garanderen•Risico's in verband met niet-naleving in verschillenderegio's beperken•Interne kennis en voorbereiding op nieuwe regelgevingversterken | Alle grondstoffen, componentenen afgewerkte producten |
| Lijst van aanbeperkingenonderworpen stoffen | •Zorgwekkende stoffen opsommen om de productveiligheid tewaarborgen en werknemers en consumenten te beschermen tegenmogelijke gezondheidsrisico's. | •Consumenten beschermen tegen potentieel gevaarlijkestoffen•Reputatierisico's in verband met onveilige materialenbeperken•Schadelijke chemicaliën proactief elimineren•Aanzetten tot voortdurende verbetering inmateriaalselectie | Alle grondstoffen, componentenen afgewerkte producten |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Beleid | Doel | Impacts, risico's, kansen | Perimeter | |
|---|---|---|---|---|
| Donatiebeleid | •De perimeter, doelgroepen en beperking van donaties bepalen. | •Maatschappelijk verantwoord ondernemen | Liefdadigheidsorganisaties en - | |
| Ontex levert geen bijdragen aan politieke partijen of organisaties. In | •Bedrijfsimago en goodwill verbeteren | initiatieven die aansluiten bij de | ||
| plaats daarvan gaan de donaties naar doelen die aansluiten bij dewaarden van de ondernemingen de behoeften van haareindgebruikers. | •Potentiële belangenconflicten met betrekking totpolitieke bijdragen vermijden | strategie van Ontex op het vlakvan maatschappelijk verantwoordondernemen | ||
| •Partnerschappen met non-profits en sociale initiatievenversterken | ||||
| AlgemeneVerordening | •Voorschriften voor gegevensbescherming, waaronder de AVG,volledig naleven. Gegevens die worden verzameld voor | •Gegevensprivacy en consumentenvertrouwenhandhaven | Interacties met consumenten,waaronder klantenservice, | |
| Gegevensbescherming | klantenondersteuning of productfeedback worden veilig enverantwoord beheerd. Gezien de beperkte privacy-risico's, voldoende huidige maatregelenaan de vereisten voorgegevensbescherming. | •Risico op datalekken en boetes wegens niet-nalevingvan de regelgeving minimaliseren | garantieclaims enfeedbackmechanismen | |
| •Transparantie in gegevensverwerking vergroten | ||||
| •Geloofwaardigheid van de onderneming in digitaleinteracties verbeteren | ||||
| Gedragscode voorleveranciers | •De Gedragscode voor leveranciers van Ontex legt uit wat Ontex vanhaar leveranciers verwacht op het vlak van bedrijfsethiek, | •Maatregelen tegen geweld en intimidatie op dewerkvloer | Alle leveranciers | |
| mensenrechten, gezondheid en veiligheid en milieu. | •Vrijheid van vereniging en collectieve | |||
| •Ze verwacht van haar leveranciers dat zij de ESG-vereisten die in | onderhandelingen•Kinderarbeid en jonge werknemers•Gedwongen arbeid en moderne slavernij | |||
| deze Gedragscode voor leveranciers staan onderschrijven en dat zij | ||||
| deze normen verder in de toeleveringsketen toepassen. | ||||
| •Voor de start van elke zakenrelatie moet de Gedragscode voorleveranciers ondertekend worden. | •Gezondheid en veiligheid | |||
| •Eerlijke lonen | ||||
| •Gegevensbescherming en privacy | ||||
| •Gezonde omgeving |
SUS-4.3.4 Processen om met consumenten en eindgebruikers te overleggen over impacts
Ontex houdt actief rekening met de standpunten van consumenten en eindgebruikers bij beslissingen en activiteiten om zowel daadwerkelijke als potentiële impacts te beheren. Deze standpunten zijn cruciaal om de productveiligheid, kwaliteit en toegankelijkheid te garanderen.
De Chief Innovation & Sustainability Officer heeft de hoogste operationele verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat het overleg met consumenten en eindgebruikers effectief verloopt en geïntegreerd wordt in de besluitvorming. Deze rol wordt ondersteund door de VP Quality and Regulatory Affairs, die toezicht houdt op de praktische invoering van de overlegresultaten en ervoor zorgt dat de feedback van consumenten direct van invloed is op de productveiligheid, de naleving van de regelgeving en het kwaliteitsbeheer.
Het overleg met de consumenten vindt plaats in verschillende stadia, waaronder productontwikkeling, feedback na de marktlancering en kwaliteitsbeoordelingen. Deze
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
inspanningen omvatten consumentenonderzoeken, focusgroepen, producttests en directe feedback via klantendienstkanalen. Er wordt regelmatig overleg gepleegd om te blijven inspelen op de verwachtingen en de veranderende behoeften van de consument.
Ontex overlegt met consumenten via verschillende kanalen om haar producten te helpen verbeteren:
- Feedback en klachten: via speciale kanalen kunnen consumenten feedback geven, problemen melden en verbeteringen voorstellen, zodat de productkwaliteit aansluit bij de verwachtingen van de gebruiker.
- Samenwerking met belanghebbenden: samenwerkingsverbanden met EDANA, retailers en andere belanghebbenden helpen Ontex om gezondheids-, veiligheids- en milieukwesties aan te pakken en tegelijkertijd aan de verwachtingen van de consument en de regelgeving te voldoen en deze zelfs te overtreffen.
- Betrokkenheid van gemeenschappen: Ontex werkt proactief samen met lokale gemeenschappen en biedt ad-hoc-ondersteuning bij gebeurtenissen, zoals natuurrampen.
SUS-4.3.5 Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor consumenten en eindgebruikers om zorgen kenbaar te maken
Ontex beschikt over solide systemen om negatieve impacts aan te pakken en ervoor te zorgen dat consumenten hun zorgen effectief kenbaar kunnen maken.
- Klachten oplossen: Ontex heeft protocollen opgesteld om klachten van consumenten onmiddellijk te onderzoeken en op te lossen. De betrokken partijen worden op de hoogte gesteld en, waar nodig, worden corrigerende maatregelen genomen. De effectiviteit van oplossingen wordt gemeten aan de hand van feedback van consumenten, tijdlijnen voor het oplossen van problemen en monitoring na de oplossing om te garanderen dat het probleem adequaat werd aangepakt.
- Terugroepacties: in geval van veiligheidsproblemen volgt Ontex een gestructureerd terugroepprotocol met transparante communicatie met getroffen consumenten, directe ondersteuning waar nodig en corrigerende maatregelen om herhaling te voorkomen. Het vertrouwen van de consument in dit proces wordt regelmatig geëvalueerd via overleg- en feedbackmechanismen.
• Speak Up-lijn: om mensenrechtenkwesties en ethische kwesties aan te pakken, voorziet Ontex een vertrouwelijk meldingskanaal dat toegankelijk is voor werknemers, leveranciers en klanten. Gemelde problemen worden onmiddellijk onderzocht en Ontex garandeert volledige transparantie en aansprakelijkheid in het oplossingsproces. De effectiviteit van dit kanaal wordt gecontroleerd aan de hand van reactietijden, oplossingspercentages en feedback van gebruikers, met periodieke beoordelingen om de toegankelijkheid en betrouwbaarheid te garanderen. Ontex hanteert ook een nultolerantiebeleid tegen represailles om personen die van deze mechanismen gebruikmaken te beschermen, de vertrouwelijkheid te garanderen en het vertrouwen in het meldingsproces te bevorderen.
SUS-4.3.6 Maatregelen nemen
Ontex integreert productveiligheid, beheer van chemische stoffen en regelgeving doorheen de volledige levenscyclus van het product, opgebouwd rond drie complementaire pijlers:
- Monitoring regelgeving & eerste beoordeling: Ontex monitort, analyseert en interpreteert wereldwijde regelgeving die van invloed is op absorberende hygiëneproducten, cosmetica, chemicaliën en verpakkingen. Domeinexperten (EU, VS, chemicaliën, tampons, medische hulpmiddelen, verpakking) beoordelen nieuwe vereisten en evalueren vroegtijdig risico's, zodat veiligheids- en chemische beperkingen volledig worden begrepen voordat producten op de markt komen.
- Beleidsbeïnvloeding: Via actieve deelname aan sectororganisaties zoals EDANA, BAHP, AHPMA en Group'Hygiène draagt Ontex bij aan de vormgeving van opkomende wetgeving, verduidelijkt het technische vereisten en zorgt het voor een vroegtijdig inzicht in aanstaande regelgevingswijzigingen. Dit ondersteunt zowel productveiligheid als de strategische planning van het naleven op lange termijn.
- Implementatie & naleving regelgeving: Deze pijler vertaalt wettelijke verplichtingen naar interne processen om veilige, conforme en transparante producten te garanderen. Activiteiten omvatten chemische veiligheidsbeoordelingen, toxicologische evaluaties, RMIF-verificatie, traceerbaarheid, afstemming op Good Manufacturing Practices (GMP), conformiteit van formuleringen/verpakkingen, naleving van artwork en etikettering, en coördinatie met Quality Assurance, Regulatory Affairs, Research & Development, Operations en Procurement.
In 2025 werd de aanpak van Ontex inzake consumenten- en eindgebruikersbescherming beïnvloed door regelgevingswijzigingen in Europa. De General Product Safety Regulation (EU) 2023/988 (GPSR), volledig van toepassing sinds december 2024, versterkte de vereisten rond producentenverantwoordelijkheid, technische documentatie, traceerbaarheid en
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
communicatie rond terugroepingen. Ontex heeft GPSR-verplichtingen geïntegreerd in zijn veiligheidsbeoordeling, risicobeheer en post-market surveillanceprocessen om naleving te verzekeren voor alle producten die niet onder sectorspecifieke regelgeving vallen, zoals de Medical Device Regulation of de Cosmetics Regulation.
Verpakkingsgerelateerde verplichtingen werden aangestuurd door de nieuw aangenomen Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR – EU 2025/40), die strengere regels invoerde inzake verpakkingsveiligheid, composteerbaarheid, recycleerbaarheid, chemische samenstelling en uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. Hoewel de volledige handhaving geleidelijk plaatsvindt tot 2030, bereidt Ontex nu al de vereiste gegevens, documentatie en interne systemen voor. Parallel blijven bestaande kaders, zoals de Single-Use Plastics Directive (EU 2019/904), REACH, CLP en de EU-microplasticsbeperking, de chemische veiligheid, materiaalbeperkingen en milieugerelateerde communicatie bepalen.
Milieuclaims en consumenteninformatie worden steeds strenger gereguleerd door de EmpCo-richtlijn (EU 2024/825), die onderbouwde, verifieerbare en transparante claims vereist. Ontex engageert zich om betrouwbare, onderbouwde informatie aan consumenten te verstrekken.
Ontex past duurzame productiepraktijken toe om chemische risico's te minimaliseren en de veiligheid te waarborgen van materialen die in contact komen met de huid. Alle grondstoffen ondergaan een grondige veiligheids- en conformiteitsscreening via een conformiteitsverklaringsproces dat voornamelijk focust op hun chemische samenstelling. De doeltreffendheid wordt beoordeeld via conformiteitsgraden, onafhankelijke tests en monitoring van consumentveiligheid. Biocompatibiliteitstesten worden uitgevoerd op alle materialen die in contact komen met de huid, wat het engagement van Ontex voor consumentenwelzijn aantoont. Dit garandeert dat de producten van het bedrijf veilig zijn voor zowel mensen als het milieu, en versterkt zijn ambitie voor verantwoorde en duurzame operaties.
De traceerbaarheidssystemen van Ontex zorgen voor volledige transparantie in productcomponenten, waardoor nieuwe risico's snel kunnen worden geïdentificeerd. Deze systemen ondersteunen wettelijke naleving en versterken het vertrouwen van consumenten in productveiligheid. Ontex gebruikt geavanceerde risicobeheerinstrumenten zoals Failure Mode Effects Analysis (FMEA) en volgt Good Manufacturing Practices (GMP's) om risico's proactief te identificeren en te beheersen doorheen de productlevenscyclus. Strenge tests en monitoring waarborgen dat producten aan de hoogste veiligheidsnormen voldoen. Ontex volgt de EDANA Tampon Code of Practice, wat de producttransparantie en -veiligheid versterkt. Dit omvat duidelijke en toegankelijke informatie over risico's zoals Toxic Shock Syndrome (TSS) voor tampongebruikers, evenals gedetailleerde richtlijnen in de productbijsluiters om veilig en geïnformeerd gebruik te ondersteunen, in het bijzonder voor nieuwe gebruikers en zorgverleners.
- Remediëringsprocessen: Deze processen zorgen ervoor dat mechanismen om negatieve impacts aan te pakken doeltreffend functioneren via gestructureerde klachtbehandeling en terugroepingsprotocollen. De doeltreffendheid wordt gemeten door opvolging van oplostijden, consumentenfeedback en vervolgbeoordelingen. Een vertrouwelijk meldmechanisme is voorzien, ondersteund door een non-retaliatiebeleid.
- Monitoring van de effectiviteit van acties: Ontex beoordeelt de impact van zijn acties via belangrijke prestatie-indicatoren, waaronder incidentoplossingsgraden, resultaten van regelgevingsnaleving en evaluaties van consumenttevredenheid.
- Middelen: Ontex voorziet middelen om materiële consumentenimpacts te beheren, waaronder investeringen in productveiligheid, regelgevingsnaleving en traceerbaarheidssystemen. Engagement in lokale gemeenschappen wordt ondersteund via gestructureerde partnerschappen en interne initiatieven.
- Perimeter en tijdshorizonten van acties: De acties omvatten het volledige productportfolio en de wereldwijde waardeketen, met implementatie in meerdere geografische gebieden. Doorlopende processen worden continu opgevolgd, terwijl andere initiatieven specifieke tijdshorizonten volgen op basis van strategische doelstellingen.
- Mensenrechtenkwesties en incidenten: Er zijn geen ernstige mensenrechtenkwesties of incidenten met betrekking tot consumenten gemeld. Indien dergelijke gevallen zich voordoen, worden deze behandeld via de bestaande remediëringsmechanismen.
SUS-4.3.7 Maatstaven en doelen
Ontex heeft meetbare doelen[ 71] opgesteld om haar vooruitgang op het vlak van consumentenveiligheid, kwaliteit en duurzaamheid op te volgen:
[71] Ontex heeft beperkingen in de directe benadering van klant- en leveranciersspecifieke gegevens voor zijn Russische entiteit als gevolg van Europese sancties. Echter, de rapportage in dit CSRD-rapport, inclusief de
Russische activiteiten, zijn gebaseerd op onze uitgebreide managementaanpak, die het engagement voor werknemers in de waardeketen, consumenten en eindgebruikers, en de algemene bedrijfsvoering omvat.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Minder klachten van consumenten
In 2025 realiseerde Ontex een vermindering van 56% in consumentenklachten gelinkt aan kwaliteit (Ppm) in vergelijking met 2024. Deze verbetering onderstreept de inzet van het bedrijf om de klanttevredenheid te verhogen en ambitieuze normen op het vlak van kwaliteitsborging te handhaven.
| Consumentenklachten | 2024/2023 | 2025/2024 |
|---|---|---|
| Consumentenklachten (%ppm) | -6.5% | -56% |
Methodologieën & aannames
Het verminderen van de klachten van consumenten is essentieel om een hoge mate van klanttevredenheid te bereiken. Ontex houdt deze KPI bij aan de hand van het aantal ontvangen klachten per miljoen geproduceerde eenheden. De procentuele vermindering wordt vergeleken met het voorgaande jaar met behulp van de volgende formules:
Ppm (reduction) = $$ \left(1 - \frac{\text{Total delen met klachten}}{\text{Total geproduceerde delen}}\right) \times 100 $$
Ppm =Totaal delen met klachten Totaal geproduceerde delen x 1.000.000
Naleving chemische veiligheid
In lijn met zijn engagement voor productveiligheid en consumentenvertrouwen heeft Ontex het afgelopen jaar zijn Oeko-Tex Standard 100-certificering uitgebreid. Deze certificering dekt nu belangrijke productcategorieën, waaronder babyluiers, babypants, externe vrouwelijke hygiëneproducten, tampons en incontinentieproducten.
- Ontex beschikt nu over zes certificaten (vijf hoofd- en één satellietcertificaat), tegenover acht in 2024, die in totaal 2.597 producten omvatten—een stijging van 272% in Oeko-Tex gecertificeerde producten ten opzichte van 2024.
- Het aantal Oeko-Tex gecertificeerde merken is met 25% gestegen en omvat nu in totaal 74 merken, tegenover 60 in 2024.
Oeko-Tex gecertificeerde fabrieken in Tijuana, Stokesdale, Grosspostwitz, Turnov, Radomsko, Segovia, Dourges en Buggenhout garanderen wereldwijde naleving van hoge veiligheidsnormen. Aangezien certificering gebaseerd is op klantverzoeken, kunnen er geen vooraf bepaalde doelen worden vastgesteld voor deze uitbreiding
Naleving van regelgeving voor grondstoffen
Ontex garandeert de productveiligheid via een rigoureus proces voor conformiteitsverklaring voor alle grondstoffen, waarbij 100% compliance wordt bereikt. Dit proces omvat:
Commissaris Informatie over dit rapport
- Vereisen voor leveranciers: leveranciers moeten gedetailleerde gegevens verstrekken over veiligheid, de samenstelling van grondstoffen en resultaten van biocompatibiliteitstesten.
- Controle en verificatie: een onafhankelijke externe toxicoloog beoordeelt elke verklaring om te garanderen dat deze voldoet aan de normen en voorschriften van Ontex.
- Toezicht: de afdeling Regulatory Affairs beheert het proces om ervoor te zorgen dat alleen materialen die voldoen aan strenge veiligheidscriteria worden goedgekeurd.
100% van de materialen is volledig gedocumenteerd en zo bewijst Ontex haar engagement voor de veiligheid van de consument en speelt ze proactief in op nieuwe normen en opkomende risico's.
Aangezien alle materialen te allen tijde moeten voldoen aan de wettelijke vereisten, is het vaststellen van een extra doel niet van toepassing.
De monitoring van de regelgevingsnaleving omvat periodieke beoordelingen van nieuwe verplichtingen onder GPSR, PPWR, SUPD, REACH, CLP en andere toepasselijke kaders. Naarmate de regelgevingsvereisten evolueren, actualiseert Ontex zijn interne standaarden, verwachtingen ten aanzien van leveranciers en documentatieprocessen om voortdurende naleving en transparantie voor eindgebruikers te waarborgen.
Chemische voetafdruk
Ontex heeft de ambitieuze doelstelling om tegen 2030 een volledige chemische voetafdruk van 100% te realiseren, een bevestiging van haar streven naar volledige transparantie.
| [ 72] | 2023 | 2024 | 2025 | 2025/ |
|---|---|---|---|---|
| Chemische voetafdruk | (EMEAA) | (Wereldwijd) | (Wereldwijd) | 2024 |
| % van actieve stoffen met eenvoltooid RMIF(Raw MaterialInformation Form) | 39% | 43% | 54% | +11 pp |
KPI-methodologie
Deze KPI wordt gemeten door de verhouding te berekenen tussen het totaalaantal actieve componenten en het aantal componenten met een volledige gedetailleerde samenstelling (Raw Material Information File - RMIF).
Toezicht na marktlancering
Door permanent toezicht te houden na de marktlancering en door klachten van klanten te analyseren, kan Ontex trends opsporen en indien nodig corrigerende maatregelen nemen. Zo zorgt Ontex ervoor dat de feedback van de consument rechtstreeks wordt gebruikt om de producten te verfijnen en de veiligheid te verbeteren.
[72] Deze tabel vergelijkt de wereldwijde cijfers van 2024 met de EMEAA-cijfers van 2023. Als de vergelijking beperkt zou blijven tot EMEAA, zou de daadwerkelijke procentuele stijging hoger uitvallen. Opmerkelijk is dat 2024 het eerste jaar was waarin gegevens uit Noord-Amerika werden opgenomen, na de introductie van het SAP-
systeem en de bijbehorende standaardisatie. Een aparte berekening is niet mogelijk, aangezien één kwaliteit grondstof wereldwijd kan worden gebruikt. De berekening, die alle wijzigingen tot eind januari 2025 omvat, werd op dat moment afgerond.
SUS-5 Informatie inzake deugdelijk bestuur
SUS-5.1 ESRS G1: Deugdelijk bestuur en zakelijk gedrag
SUS-5.1.1 Impact-, risico- en kansenmanagement
Beschrijving van de processen om materiële impacts, risico's en kansen in kaart te brengen en te analyseren
Ontex engageert zich ertoe beste praktijken op het gebied van ethisch handelen te behouden en te integreren in zijn operaties.
Het proces omvat:
- Een screening van globale trends, ontwikkelingen in regelgeving en verwachtingen van belanghebbenden;
- Overleg met leveranciers, klanten en consumenten om gebieden met een kritieke impact te identificeren; en
- Een evaluatie van de deugdelijk-bestuursimpact van onze activiteiten, zodat de onderneming risico's, zoals corruptie, witwaspraktijken of andere vormen van criminaliteit in kaart kan brengen, evenals kansen voor transparantie, dialoog en belangenbehartiging.
Deze resultaten worden opgenomen in de strategieën van Ontex om de transparantie naar belanghebbenden toe te garanderen en de naleving van de toepasselijke regelgeving te beheren. De onderneming breidt haar analyses uit over de hele waardeketen en richt zich daarbij op de impacts stroomop- en stroomafwaarts. Regelmatig overleg met belanghebbenden garandeert inclusiviteit en levert waardevolle inzichten op waarmee de onderneming haar benadering dan kan verfijnen. Door transparantie, belangenbehartiging, bedrijfsethiek en naleving in haar activiteiten te integreren, wil Ontex de reputatierisico's beperken, zich aanpassen aan nieuwe regelgevende kaders en aanzetten tot een betekenisvolle verandering in de sector van persoonlijke hygiëne.
Meer informatie is te vinden in deel SUS-2.4.1.
SUS-5.1.2 Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur
De bedrijfscultuur van Ontex is gebaseerd op de P.R.I.D.E.-waarden (zie deel SUS-4.1.6) en de Ethische gedragscode, die de fundamentele waarden en principes voor zakelijk gedrag vastleggen en de basis vormen voor alle interne beleidsregels.
Het Compliance-programma van de onderneming reikt een praktisch kader aan om deze waarden en principes hoog te houden zodat werknemers hun verantwoordelijkheden kennen en zich houden aan ethische bedrijfspraktijken. Dit programma omvat maatregelen om potentiële problemen op te volgen, te melden en aan te pakken om zo hoge normen van integriteit en wettelijke naleving binnen de hele onderneming te handhaven.
Het Compliance-programma wordt geleid door een aangewezen expert met meer dan 25 jaar professionele ervaring, die rechtstreeks rapporteert aan de General Counsel en de Raad van Bestuur via het Audit- en Risicocomité. Het programma werkt met een eigen budget en een gestructureerd jaarplan, waarin doelstellingen en KPI's worden vastgelegd op basis van risico's en kansen die over alle bedrijfsfuncties heen zijn geïdentificeerd. Deze plannen worden beoordeeld en goedgekeurd door het Uitvoerend Comité en het Audit- en Risicocomité. Er wordt regelmatig verslag uitgebracht over de voortgang, incidenten en inperkingsmaatregelen aan het Uitvoerend Comité en minstens twee keer per jaar ook aan het Audit- en Risicocomité.
Ontex hecht veel belang aan integriteit, eerlijkheid en ethische bedrijfspraktijken, zowel ten opzichte van de werknemers als bij haar activiteiten. Strikte ethische normen gelden niet alleen voor de werknemers, maar ook voor alle derden die namens de onderneming optreden. De Ethische gedragscode is ook van toepassing op agenten, distributeurs, jointventurepartners, consultants en andere tussenpersonen, die zich in hun overeenkomsten met de onderneming aan deze principes moeten houden. Leveranciers moeten zich houden aan de Gedragscode voor leveranciers en aan de wetten en voorschriften van de landen waarin ze actief zijn.
Aan elke werknemer, van de CEO tot de leden van het Uitvoerend Comité en het Uitvoerend Leiderschapsteam, wordt gevraagd een jaarlijkse verplichte opleiding over de Ethische gedragscode te volgen. Dit omvat een schriftelijke bevestiging van hun belofte om de Ethische gedragscode en verwante beleidslijnen na te leven (bv. geschenken en gastvrijheid, onkostendeclaratie, delegatie van bevoegdheden). Werknemers bevestigen ook dat ze niets te melden hebben en beloven mogelijke overtredingen te rapporteren.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Functies met een hoog risico, waarin werknemers de grootste compliance-risico's lopen, worden geïdentificeerd via de geïntegreerde ERM-analyse (Enterprise Risk Management). Onder leiding van Interne Audit en met input van het Compliance-team en andere functies, evalueert de ERM-analyse de blootstelling aan risico's in belangrijke gebieden zoals verkoop en marketing, inkoop, toeleveringsketen, overheidsrelaties en regelgeving, internationale activiteiten, financiën en boekhouding, juridische zaken en compliance, human resources en uitvoerend leiderschap.
Werknemers in hoogrisicofuncties ontvangen aanvullende, gerichte opleidingen op ad-hocbasis, afhankelijk van hun functie, en deze worden opgevolgd via individuele bevestigingen in hun personeelsdossiers.
De mechanismen om mogelijke inbreuken op de Ethische gedragscode en aanverwante beleidslijnen op te sporen, te melden en te onderzoeken, omvatten het klokkenluiders-/Speak Up-kanaal (zie deel SUS-4.1.5) waar problemen zowel intern als extern gemeld kunnen worden. Daarnaast houden tal van functies - waaronder human resources, juridische zaken, financiën, cyberbeveiliging, levering, kwaliteit en interne audit, evenals de leden van het Uitvoerend Comité die verantwoordelijk zijn voor elke functie - toezicht op compliance door middel van audits en beoordelingen.
Ontex is goed op weg om tegen 2030 haar doelstelling te bereiken dat 100% van de werknemers de jaarlijkse opleiding over de Ethische gedragscode voltooit. In de rapportageperiode nam 89% van de werknemers deel aan de opleiding. Voor meer informatie zie deel SUS-4.1.15.
Om dit percentage te verbeteren, hebben we een gestructureerd plan opgesteld, met onder meer:
- Verplichte voltooiingsvereisten: duidelijke deadlines en monitoring van voortgang om te garanderen dat alle functies en locaties deelnemen.
- Gegevensverzameling en -monitoring: de monitoring van de jaarlijkse verplichte opleiding over de Ethische gedragscode uitbesteden.
- Uitgebreide opleidingsprogramma's: regelmatige updates en toegankelijke opleidingsmodules die de belangrijkste principes en hun toepassing in de dagelijkse werking behandelen.
- Verantwoordelijkheid leiderschap: managers en leiders betrekken om compliancedoelen na te streven en ethisch gedrag binnen teams te versterken.
Deze maatregelen stimuleren niet alleen de voortgang ten opzichte van de 2030-doelstelling, maar versterken ook de cultuur van integriteit en compliance bij Ontex. Door werknemers de kennis en het vertrouwen te geven om ethische normen te handhaven, zijn en blijven verantwoorde bedrijfspraktijken een cruciaal onderdeel van de bedrijfsactiviteiten.
Zie Sociale informatie, Deel 0 voor meer informatie over P.R.I.D.E.-waarden
| Strategischrapport | Verklaring inzake DeugdelijkBestuur | GeconsolideerdeJaarrekening | Duurzaamheidsverklaringen | Verslagen van deCommissaris | Informatie over dit rapport | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beleid | Doel | Impacts, risico's en kansen | Perimeter | |||
| Ethische | •De verbintenis van Ontex beschrijven om op een ethische en verantwoorde manier | •Antidiscriminatie | Alle werknemers | |||
| gedragscode | zaken te doen. | •Anti-intimidatie | en zakenpartners | |||
| •Professioneel gedrag | ||||||
| •Veiligheid en gezondheid | ||||||
| •Mensenrechten | ||||||
| Gedragscode | •Met de Gedragscode voor leveranciers willen we ervoor zorgen dat onze leveranciers | •Geweld en intimidatie op de werkvloer | Alle leveranciers | |||
| voor leveranciers | zich, net als wij, inzetten voor ethische en verantwoorde bedrijfspraktijken. Onder | •Vrijheid van vereniging en collectieve onderhandelingen | ||||
| meer door strikte integriteitsnormen te hanteren, medewerkers eerlijk te | •Kinderarbeid en jonge werknemers | |||||
| behandelen, van veiligheid en duurzaamheid een prioriteit te maken en de impact ophet milieu te verminderen. | •Gedwongen arbeid en moderne slavernij | |||||
| •Veiligheid en gezondheid | ||||||
| •Eerlijke lonen | ||||||
| •Gegevensbescherming en privacy | ||||||
| •Gezonde omgeving |
SUS-5.1.3 Beheer van relaties met leveranciers
Benadering van relaties met leveranciers
Ontex hecht veel belang aan transparantie, duurzaamheid en wederzijdse groei in de samenwerking met haar leveranciers. Het Wereldwijd leveranciers- en verkopershandboek van Ontex schetst de belangrijkste vereisten en verwachtingen om solide relaties op te bouwen met de leveranciers en de risico's in de toeleveringsketen te beperken.
De belangrijkste aspecten zijn:
- Gedragscode voor leveranciers: verplichte ondertekening van deze Gedragscode, die normen inzake arbeid, ethiek, gezondheid en veiligheid bevat.
- Due-diligence-programma voor leveranciers: regelmatige beoordelingen gericht op mensenrechten en milieueffecten.
- Onboarding-procedures: zodat de strikte normen inzake kwaliteit, veiligheid en duurzaamheid van Ontex worden nageleefd.
Ontex hanteert ook een ethische inkoopstrategie en -doelstellingen (zie deel SUS-4.2.7), aansluitend bij het due-diligenceprogramma voor leveranciers, om de risico's in de toeleveringsketen op te sporen en te beperken. Door aan te zetten tot meer verantwoordelijkheid via zelfopgelegde verbintenissen, monitoring van de ESG-prestaties en een transparante rapportage, streeft de onderneming naar voortdurende verbeteringen en eerlijke en duurzame inkoopprocessen.
Om ethische inkoop te integreren in de bedrijfspraktijken, en in samenwerking met het inkoopteam van de groep, volgt Ontex kritieke non-conformiteiten in grondstoffen nauwgezet op. Ze gaat regelmatig rond de tafel zitten met haar leveranciers en bouwt de nodige capaciteiten op om nadelige effecten aan te pakken en te beperken. Deze inspanningen vergroten de veerkracht van de toeleveringsketen en stemmen de inkooppraktijken af op de strategische doelen van de onderneming.
De Gedragscode voor leveranciers en de ethische inkoopvereisten van Ontex omvatten uitgebreide risicobeoordelingen, met de nadruk op duurzaamheid. Nieuwe verkopers en leveranciers moeten een MVO-vragenlijst (maatschappelijk verantwoord ondernemen) invullen, waarin sociale, ecologische en ethische criteria worden beoordeeld in het kader van het onboarding-proces. Dit, in combinatie met kwaliteitsprestatiebeoordelingen, zorgt ervoor dat de leveranciers voldoen aan de duurzaamheidsnormen van de onderneming. Bovendien worden de ESG-prestaties van leveranciers met een hoog risico nauwlettend opgevolgd.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Om ethische partnerschappen aan te moedigen, leidt Ontex haar aankoopmedewerkers op om effectief met leveranciers samen te werken en duurzame praktijken te promoten. De ESGprestaties van de leveranciers worden regelmatig gescreend en geëvalueerd door middel van MVO-controles tijdens onboarding- en lopende analyses, waaronder EcoVadis-evaluaties.
Sociale en ecologische criteria voor leveranciersselectie
Ontex hanteert strikte sociale en ecologische criteria bij de selectie van leveranciers en tijdens onboarding-processen:
- Milieubeheersysteem (MBS) Leveranciers moeten een MBS invoeren dat voldoet aan de ISO 14001-normen, inclusief:
- milieubeleid;
- doelen voor het verminderen van milieueffecten; en
- naleving van de toepasselijke milieuwetgeving.
- Vereisten inzake sociale audit
- Leveranciers die gevestigd zijn in hoogrisicolanden moeten binnen zes maanden na de start van de samenwerking een geldig sociaal auditrapport voorleggen en een Self-Assessment Questionnaire (SAQ) in Sedex voltooien.
- De audits moeten voldoen aan erkende internationale normen, met de nadruk op mensenrechten en arbeidsomstandigheden.
- Focus op duurzaamheid
- Leveranciers worden aangemoedigd om hun ESG-prestaties bekend te maken via platforms als EcoVadis, wat de transparantie en verantwoordelijkheid bevordert.
- Voor hernieuwbare materialen moeten de leveranciers voldoen aan het Duurzaam inkoopbeleid van Ontex, dat als doel heeft de traceerbaarheid en verantwoorde inkoop te garanderen.
- Ethische en transparante inkooppraktijken
- Ontex vereist gedetailleerde informatie over productielocaties en de herkomst van grondstoffen om duurzaamheidsbeoordelingen te vergemakkelijken.
Ontex verbindt zich ertoe lokale leveranciers in haar inkoopnetwerk op te nemen en om ervoor te zorgen dat ze relevante milieu- en kwaliteitscertificaten naleven.
Wat kwetsbare leveranciers betreft, houdt Ontex zich aan de beschermingsprincipes van de standaard 'ESRS S2 Werknemers in de waardeketen'. We bieden gerichte ondersteuning om
leveranciers te helpen aan de normen te voldoen en integreren die in de due-diligence processen van de onderneming. Zie deel SUS-4.2 voor meer informatie.
SUS-5.1.4 Preventie en opsporing van corruptie of omkoping
Ontex verbiedt ten strengste om iets van waarde aan te bieden of te vragen met de bedoeling om een ongepast zakelijk voordeel te verkrijgen, of het nu gaat om overheidsfunctionarissen, klanten of commerciële entiteiten. Naast het volledige scala aan opleidingsinitiatieven zoals beschreven in G1-1 (inclusief de jaarlijkse verplichte opleiding over de Ethische gedragscode), bevat het compliance-programma meerdere maatregelen die zijn afgeleid van kaders zoals het VN-verdrag tegen corruptie, waaronder:
- Een beleid inzake geschenken en gastvrijheid om belangenverstrengeling te voorkomen;
- Due diligence voor derden voor zakenpartners en regio's met een hoog risico;
- Risico-identificatie en -beperking, waaronder specifieke opleidingen voor werknemers in risicogebieden en gestructureerd toezicht;
- Compliance door leveranciers, waarbij alle externe leveranciers, verkopers, consultants en joint ventures worden verzocht de Gedragscode voor leveranciers te bevestigen en na te leven;
- Ad-hoc anticorruptie-opleiding voor financieel managers, waaronder interne en externe cursussen;
- Robuuste interne controles, zoals goedkeuringsvereisten volgens het beleid voor delegatie van bevoegdheden;
- Onaangekondigde interne audits, uitgevoerd door de interne auditgroep in verschillende bedrijfsfuncties; en
- Het klokkenluiders-/Speak Up-kanaal waar werknemers vertrouwelijk hun zorgen kunnen melden.
Duidelijke protocollen zorgen ervoor dat onderzoeken naar omkoping en corruptie worden uitgevoerd door gekwalificeerd, onafhankelijk personeel. Onderzoeksteams staan los van de betrokken managementketen en waar nodig worden externe forensische experts of juridisch adviseurs geraadpleegd.
Inbreuken resulteren in consequente en evenredige disciplinaire maatregelen, inclusief ontslag en gerechtelijke stappen, een bewijs dat Ontex de wettelijke en ethische normen naleeft. Alle
gemelde incidenten worden beoordeeld door het Uitvoerend Comité en het Audit- en Risicocomité van de Raad van Bestuur.
Alle beleidslijnen, procedures en controles rond corruptiebestrijding worden regelmatig herzien en bijgewerkt om rekening te houden met lessen geleerd uit incidenten, best practices in de sector en wijzigingen in de wettelijke vereisten.
Zoals beschreven in deel SUS-4.1.5 ondertekenen werknemers in risicofuncties een formulier waarin ze bevestigen dat ze op de hoogte zijn van en zich verbinden tot de Ethische gedragscode. Bij elke ad-hoc-opleiding wordt dezelfde procedure gevolgd.
Het anticorruptie- en -omkopingsbeleid omvat voorbeelden uit de praktijk en waarschuwingsindicatoren om werknemers te helpen potentiële risico's te herkennen en in te grijpen.
SUS-5.1.5 Maatstaven en doelen
Bevestigde incidenten van corruptie of omkoping
Tijdens de rapportageperiode werden er geen veroordelingen of geldboetes opgelegd in verband met corruptie of omkoping.
Zoals uiteengezet in deel SUS-5.1.4, worden maatregelen om corruptie en omkoping te voorkomen voortdurend getoetst aan de hand van echte incidenten om ervoor te zorgen dat het compliance-programma effectief blijft.

Opleidingen over de Ethische gedragscode
Zoals beschreven in SUS-4.1.15 lanceerde Ontex in het vierde kwartaal van 2025 een nieuwe opleiding rond de ethische gedragscode. Op 31 december 2025 had 64% van de bedienden deze opleiding voltooid. Eind januari 2026 had 97% van de bedienden de opleiding afgerond, waardoor de onderneming goed op koers blijft om haar doelstelling te behalen. In het eerste kwartaal van 2026 zal Ontex de opleiding rond de ethische gedragscode uitrollen voor de arbeiders.
Om verdere verbeteringen te realiseren tegen de volgende verslagperiode en op basis van de voortdurende inzichten binnen de onderneming, heeft Ontex een plan opgesteld dat tot 2030 zal worden gevolgd en dat onder meer omvat:
- Uitgebreide opleidingsprogramma's: regelmatige updates en toegankelijke opleidingsmodules die de belangrijkste principes van de Ethische gedragscode en de toepassing in de dagelijkse werking behandelen.
- Verplichte voltooiingsvereisten: duidelijke deadlines stellen en de voortgang monitoren om er zeker van te zijn dat alle werknemers deelnemen en de opleiding voltooien, ongeacht hun rol of locatie.
- Gelokaliseerde inhoud: opleidingsmateriaal aanbieden in meerdere talen en aangepast aan regionale en culturele contexten om de relevantie en toegankelijkheid voor het wereldwijde personeelsbestand van de onderneming te garanderen.
- Regelmatige monitoring en rapportage: solide systemen opzetten om de deelnemingspercentages aan de opleidingen bij te houden.
- Gerichte maatregelen: bijkomende opleidingen of ondersteuning voorzien voor regio's, teams of functies die te maken kunnen krijgen met unieke compliance-uitdagingen.
- Verantwoordelijkheid van leiderschap: Managers en leiders betrekken bij het promoten van trainingsinitiatieven, zodat nalevingsdoelstellingen effectief worden doorgegeven binnen hun teams.
Deze maatregelen zijn niet alleen bedoeld om de doelstelling voor 2030 te halen, maar ook om ethisch gedrag en compliance-principes in de bedrijfscultuur te verankeren. Zo krijgen de werknemers de kennis en het vertrouwen aangereikt om de waarden van de onderneming hoog te houden in hun dagelijkse beslissingen en handelingen.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Methodologieën en aannames [73]
Trainingsprogramma's zijn ontworpen om 100% van de medewerkers te omvatten, waarbij hoogrisicofuncties worden geïdentificeerd op basis van hun werkgebied. Deze gebieden worden bepaald aan de hand van de risico's die zijn vastgesteld in de Enterprise Risk Management-analyse van het bedrijf.
SUS-5.1.6 Betalingspraktijken
Ontex verbindt zich ertoe haar verkopers tijdig en eerlijk te betalen door:
- Duidelijke afspraken te maken over algemene betalingsvoorwaarden in overeenkomsten met de verkopers. Er zijn geen standaardbetalingsvoorwaarden, aangezien deze worden bepaald op basis van individuele onderhandelingen met elke leverancier. Indien er geen overeenkomst met de verkoper beschikbaar is, zijn de algemene voorwaarden van Ontex van toepassing: 'Tenzij in de Bijzondere Voorwaarden anders is bepaald, dienen alle onbetwiste gefactureerde bedragen aan de Leverancier te worden betaald binnen de relevante betalingstermijn die in het toepasselijke recht is vastgesteld'. Ontex zorgt ervoor dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen leveranciers en behandelt alle leveranciers gelijk wat betreft betaalgedrag. Aangezien er geen standaardbetalingsvoorwaarden zijn gedefinieerd, kan Ontex het percentage betalingen dat in overeenstemming is met standaardvoorwaarden niet berekenen en openbaar maken.
- Ervoor te zorgen dat betalingen op de juiste bankrekeningen van verkopers worden gestort (tijdens het onboarding-proces moet de verkoper zijn bankgegevens bevestigen via een officiële bankbrief);
- Facturen te verwerken in overeenstemming met overeengekomen betalingsvoorwaarden en wettelijke vereisten: facturen worden gecontroleerd aan de hand van kooporders en ontvangstbewijzen. Als er geen kooporder is, wordt via een automatische workflow goedkeuring gevraagd aan de aanvrager van de aankoop, in overeenstemming met het beleid voor de delegatie van bevoegdheden.
Deze praktijken beschermen de toeleveringsketen van Ontex en ondersteunen de bredere duurzaamheidsdoelstellingen door partnerschappen op lange termijn op te bouwen die gebaseerd zijn op vertrouwen en gedeelde waarden.
De onderneming werkt met maandelijkse betalingscycli, waarbij de betalingen op de eerste werkdag van elke maand worden uitgevoerd. Betalingen vinden dan ook meestal vlak voor of na contractuele deadlines plaats. Het aantal dagen uitstaande betalingen aan het einde van 2025 is 106, tegenover 105 in 2024.
. Dit hogere aantal aan het einde van het jaar wordt beïnvloed door de timing van de betalingsuitvoering die vlak na het einde van het jaar plaatsvindt.
Op 31 december 2025 liepen er geen juridische procedures in verband met late betalingen aan verkopers.
Methodologieën en aannames
Dagen uitstaande betalingen: # dagen uitstaande betalingen berekend als handelsschulden per 31 december 2025 / (verkoopkosten + distributiekosten voor 2025) x 365
[73] Ontex heeft beperkingen in de directe benadering van klant- en leverancierspecifieke gegevens voor zijn Russische entiteit als gevolg van Europese sancties. Echter, de rapportage in dit CSRD-rapport, inclusief de
Russische activiteiten, zijn gebaseerd op onze uitgebreide managementaanpak, die het engagement voor werknemers in de waardeketen, consumenten en eindgebruikers, en de algemene bedrijfsvoering omvat.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Verslagen van de Commissaris
Inhoud
- AUD-1 Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering van aandeelhouders van Ontex Group NV over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2024............................................................................263
- AUD-2 Verslag met een beperkte mate van zekerheid van de commissaris aan de algemene vergadering van aandeelhouders over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van Ontex Group NV voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2024....................................................................................................268
AUD-1 Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering van aandeelhouders van Ontex Group NV over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2025
In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV (de "Vennootschap") en haar filialen (samen "de Groep"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening en de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Het vormt één geheel en is ondeelbaar.
Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 5 mei 2023, overeenkomstig het voorstel van de raad van bestuur uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2025. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep uitgevoerd gedurende 12 opeenvolgende boekjaren.
Verslag over de geconsolideerde jaarrekening
Oordeel zonder voorbehoud
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2025 omvat, alsook de geconsolideerde resultatenrekening, het geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum, en de toelichting met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. Deze geconsolideerde jaarrekening vertoont een balanstotaal van EUR 2.164,9 miljoen en de geconsolideerde resultatenrekening sluit af met een verlies voor de periode van EUR 173,5 miljoen.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de geconsolideerde financiële toestand van de Groep per 31 december 2025, alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de IFRS Accounting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
Basis voor het oordeel zonder voorbehoud
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door de IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op de huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd zijn op nationaal niveau.
Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij hebben van de raad van bestuur en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Kernpunten van de controle
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.
1) Bijzondere waardevermindering van goodwill
Beschrijving van het kernpunt van de controle
Ontex heeft in de balans een aanzienlijke waarde aan goodwill voor een bedrag van EUR 792,9 miljoen, zoals in toelichting FIN-4.9.1 gedetailleerd is. In overeenstemming met de IFRS Accounting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie, is de Groep verplicht om het bedrag aan goodwill minstens jaarlijks op bijzondere waardevermindering te toetsen.
Dit aspect beschouwen we als een kernpunt van de controle omdat het inschatten van een bijzondere waardevermindering een complexe materie is en onvermijdelijk een belangrijke mate van beoordeling vereist voor wat betreft veronderstellingen die gehanteerd worden inzake de toekomstige bedrijfsresultaten en de disconteringsvoeten die op prognoses van toekomstige kasstromen toegepast worden. De belangrijkste veronderstellingen houden verband met de disconteringsvoet, de groeipercentages van de omzet en de operationele marge.
Hoe dit kernpunt in het kader van onze controle werd benaderd
Wij hebben inzicht verkregen in de interne beheersing rond de toetsing van goodwill op bijzondere waardevermindering.
Wij hebben beoordeeld of de toetsing van goodwill op bijzondere waardevermindering werd uitgevoerd op het laagste KGE-niveau waarop de goodwill wordt opgevolgd. Bovendien hebben wij de gehanteerde kasstroomprojecties en onderliggende veronderstellingen kritisch geëvalueerd, inclusief de afstemming met het door de raad van bestuur goedgekeurde budget en het aan de raad van bestuur voorgestelde strategisch plan. Daarnaast hebben wij de historische nauwkeurigheid van eerdere ramingen beoordeeld door deze te vergelijken met gerealiseerde resultaten. Voor de kasstromen na 2026 hebben we de lange termijn groei veronderstellingen getoetst aan sectorspecifieke prognoses en historische groeicijfers.
Wij hebben de gebruikte WACC en berekeningsmethodiek beoordeeld door deze te vergelijken met de kostprijs van kapitaal en schuld van de Groep en vergelijkbare ondernemingen, rekening houdend met geografische factoren. Voorts hebben wij de operationele marge, werkkapitaal en investeringsratio's vergeleken met historische resultaten. Wij hebben de door het management uitgevoerde sensitiviteitsanalyse geëvalueerd en bepaald in welke mate kernveronderstellingen zouden moeten wijzigen alvorens een bijzondere waardevermindering zou ontstaan, en dit met het management besproken. Bij deze werkzaamheden werden onze interne waarderingsspecialisten betrokken. Tot slot hebben we de toereikendheid van de toelichtingen in de jaarrekening beoordeeld (FIN4.9.1 en FIN4.4.4).
Wij zijn van mening dat de uitkomsten van de door het management uitgevoerde beoordeling van de bijzondere waardevermindering van goodwill redelijk zijn, gelet op de inherente onzekerheden zoals uiteengezet in de geconsolideerde jaarrekening.
2) Waardering van uitgestelde belastingen en opname van uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen fiscale verliezen
Beschrijving van het kernpunt van de controle
Ontex heeft uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor een bedrag van EUR 30,7 miljoen, die voor een belangrijk deel betrekking hebben op fiscale verliezen of belastingvoordelen. Een uitgestelde-belastingvordering positie van EUR 138 miljoen werd niet opgenomen, zoals in toelichting FIN-4.19.1 vermeld. De waardering van uitgestelde belastingposities bij Ontex ging gepaard met een hoge mate van beoordeling, in het bijzonder wat betreft de bepaling van de opname van belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen fiscale verliezen. Ook bij het bepalen van de toekomstige belastbare basis en bij het bepalen van de impact van fiscale wetgeving en reglementering, fiscale planning, voorafgaande beslissingen en de bepaling van verrekenprijzen speelt de beoordeling door het management een zeer belangrijke rol. Om alle voorgaande redenen beschouwen we dit punt als een kernpunt van de controle.
Hoe dit kernpunt in het kader van onze controle werd benaderd
We hebben kritische vragen gesteld bij de veronderstellingen die gehanteerd zijn voor het bepalen van de realiseerbaarheid van belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen fiscale verliezen. In de uitvoering van onze controlewerkzaamheden hebben we ons gebaseerd op onder meer budgetten, prognoses en fiscale wetgeving; daarnaast hebben we de historische accuraatheid van de door het management gehanteerde veronderstellingen geëvalueerd. Een belangrijke beoordeling vanwege het management betrof de periode waarover belastbare winsten op betrouwbare wijze kunnen worden geschat en bijgevolg worden geen belastingvorderingen opgenomen voor fiscale verliezen waarvan management verwacht dat deze pas in latere periodes zullen worden benut. We hebben geverifieerd dat de uitgestelde-belastingpositie werd berekend aan de hand van het belastingtarief dat van kracht is voor het jaar waarin verwacht wordt dat de fiscale verliezen zullen worden aangewend.
We hebben ook de toereikendheid en volledigheid geëvalueerd van de informatie die de Vennootschap met betrekking tot uitgestelde belastingen verschaft in toelichting FIN-4.4.2, toelichting FIN-4.19.1 en toelichting FIN-4.27.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
We hebben vastgesteld dat de inschattingen die het management met betrekking tot de posities van de Groep inzake uitgestelde belastingen heeft gemaakt consistent zijn en bij onze verwachtingen aansluiten.
Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de IFRS Accounting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die de raad van bestuur noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is de raad van bestuur verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij de raad van bestuur het voornemen heeft om de Groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen, of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na, dat van toepassing is op de controle van de jaarrekening in België. Een wettelijke controle biedt evenwel geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de Groep, noch omtrent de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee de raad van bestuur de bedrijfsvoering van de Groep ter hand heeft genomen of zal nemen. Onze verantwoordelijkheden inzake de door de raad van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling worden hieronder beschreven.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle.
We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
- het identificeren en inschatten van de risico's dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico's inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het omzeilen van de interne beheersing;
- het plannen en uitvoeren van de groepsaudit om voldoende en geschikte controleinformatie te verkrijgen met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfseenheden binnen de Groep als basis voor het vormen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de sturing, supervisie en beoordeling van de uitgevoerde controlewerkzaamheden met het oog op de groepsaudit. Wij blijven als enige verantwoordelijk voor ons oordeel.
- het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep;
- het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door de raad van bestuur gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen;
- het concluderen of de door de raad van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid
van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de Groep zijn continuïteit niet langer kan handhaven;
• het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld.
Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.
Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
Overige door wet- en regelgeving gestelde eisen
Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, met inbegrip van de duurzaamheidsinformatie en de andere informatie opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening.
Verantwoordelijkheden van de commissaris
In het kader van onze opdracht en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening te verifiëren, en verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en andere informatie opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening
Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening bevat de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie die het voorwerp uitmaakt van ons afzonderlijk verslag, dewelke een 'Conclusie zonder voorbehoud', betreffende de beperkte mate van zekerheid met betrekking tot deze duurzaamheidsinformatie inhoudt. Deze sectie betreft niet de assurance over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening.
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen tijdens de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in de sectie 'Strategisch rapport' van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevatten, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, dienen wij u geen afwijking van materieel belang te melden.
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid
- Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep.
- De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening bedoeld in artikel 3:65 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.
Europees uniform elektronisch formaat (ESEF)
Wij hebben ook, overeenkomstig de norm inzake de controle van de overeenstemming van het jaarverslag met het Europees uniform elektronisch formaat (hierna "ESEF"), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 (hierna: "Gedelegeerde Verordening") en met het koninklijk besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van een jaarverslag, in overeenstemming met de ESEF vereisten, met inbegrip van de geconsolideerde jaarrekening in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat (hierna "digitale geconsolideerde jaarrekening ").
Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwende informatie te verkrijgen om te concluderen dat het formaat en de markeertaal van de digitale geconsolideerde jaarrekening in alle van materieel belang zijnde opzichten voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het formaat van het jaarverslag en de markering van informatie in de digitale geconsolideerde jaarrekening opgenomen in het jaarverslag van Ontex Group NV per 31 december 2025, en die beschikbaar zullen zijn in het Belgische officiële mechanisme voor de opslag van gereglementeerde informatie (STORI) van de FSMA, in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening en het koninklijk besluit van 14 november 2007.
Andere vermeldingen
Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.
Gent, 16 maart 2026
De commissaris PwC Bedrijfsrevisoren BV Vertegenwoordigd door
Lien Winne [74] Bedrijfsrevisor
PwC Bedrijfsrevisoren BV - PwC Reviseurs d'Entreprises SRL - Financial Assurance Services Maatschappelijke zetel/Siège social: Culliganlaan 5, B-1831 Diegem T: +32 (0)2 710 4211, F: +32 (0)2 710 4299, www.pwc.com BTW/TVA BE 0429.501.944 / RPR Brussel - RPM Bruxelles / ING BE43 3101 3811 9501 - BIC BBRUBEBB / BELFIUS BE92 0689 0408 8123 - BIC GKCC BEBB
[74] Handelend in naam van Lien Winne BV
AUD-2 Verslag met een beperkte mate van zekerheid van de commissaris aan de algemene vergadering van aandeelhouders over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van Ontex Group NV voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2025
In het kader van de wettelijke assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van Ontex Group NV (de "Vennootschap") en haar filialen (samen de "Groep"), leggen wij u ons verslag over deze opdracht voor. De geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep is opgenomen in de sectie van "Duurzaamheidsverklaringen" van het "Ontex jaarverslag 2025" op 31 december 2025 en voor het jaar afgesloten op deze datum (hierna de "geconsolideerde duurzaamheidsinformatie").
Wij werden benoemd door de algemene vergadering van 3 mei 2024, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité en op voordracht van de ondernemingsraad van Ontex Group NV, voor het uitvoeren van een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep.
Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2025. Wij hebben onze assurance-opdracht over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep uitgevoerd gedurende 2 opeenvolgende boekjaren.
Conclusie met een beperkte mate van zekerheid
Wij hebben een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep uitgevoerd.
Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden en de verkregen assurance-informatie is niets onder onze aandacht gekomen dat ons ertoe aanzet van mening te zijn dat de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep, in alle van materieel belang zijnde opzichten:
• niet is opgesteld in overeenstemming met de vereisten bedoeld in artikel 3:32/2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, met inbegrip van de overeenstemming met de toepasbare Europese standaarden voor duurzaamheidsinformatie (European Sustainability Reporting Standards (ESRS));
- niet in overeenstemming is met het door de Groep uitgevoerde proces ("het Proces"), zoals beschreven in toelichting "SUS-2.4 Materiële impacts risico's en kansen, en de wisselwerking daarvan met strategie en business-model"" van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, om de op grond van de Europese standaarden openbaar gemaakte geconsolideerde duurzaamheidsinformatie vast te stellen;
- de vereisten in artikel 8 van Verordening (EU) 2020/852 (de "Taxonomieverordening") betreffende de openbaarmaking van de informatie, opgenomen in toelichting "SUS-3.3 Rapportages overeenkomstig artikel 8 van Verordening 2020/852 (Taxonomieverordening)" van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, niet naleeft.
Basis voor de conclusie
Wij hebben onze assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid uitgevoerd overeenkomstig ISAE 3000 (Herzien), Assurance-opdrachten anders dan opdrachten tot controle of beoordeling van historische financiële informatie ("ISAE 3000 (Herzien)") zoals van toepassing in België.
Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaard zijn uitvoeriger beschreven in de sectie van ons verslag "Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie".
Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de assurance-opdracht van de duurzaamheidsinformatie in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij passen de internationale standaard voor kwaliteitsmanagement 1 (ISQM 1) toe, die vereist dat het kantoor een kwaliteitsmanagementsysteem opzet, implementeert en in werking stelt, inclusief beleidslijnen of procedures met betrekking tot de naleving van ethische vereisten, professionele normen en toepasselijke wettelijke en regelgevende vereisten.
Geconsolideerde Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen assurance-informatie voldoende en geschikt is als basis voor onze conclusie.
Overige aangelegenheid
De vergelijkende cijfers per 31 december 2023 en voor het boekjaar eindigend op die datum, opgenomen in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep, maakt geen onderdeel uit van een assurance-opdracht met beperkte mate van zekerheid. Onze conclusie is niet aangepast met betrekking tot deze aangelegenheid.
Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur betreffende het opstellen van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opzetten en implementeren van een Proces en voor het toelichten van dit Proces in toelichting "SUS-2.4 Materiële impacts, risico's en kansen, en de wisselwerking daarvan met strategie en business-model" van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie. Deze verantwoordelijkheid omvat:
- het begrijpen van de context waarin de activiteiten en zakelijke betrekkingen van de Groep plaatsvinden en het ontwikkelen van inzicht in haar betrokken belanghebbenden;
- het identificeren van de feitelijke en potentiële effecten (zowel negatieve als positieve) in verband met duurzaamheidskwesties, alsook van risico's en opportuniteiten die de financiële positie, de financiële prestaties, de kasstromen, de toegang tot financiering of de kapitaalkosten van de Groep op korte, middellange of lange termijn beïnvloeden of waarvan redelijkerwijs zou kunnen worden verwacht dat zij hierop een invloed zullen hebben;
- het beoordelen van de materialiteit van de vastgestelde effecten, risico's en opportuniteiten in verband met duurzaamheidskwesties door passende drempelwaarden te selecteren en toe te passen; en
- het maken van veronderstellingen en schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn.
De raad van bestuur is ook verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, die de door het Proces vastgestelde informatie bevat:
- in overeenstemming met de vereisten bedoeld in artikel 3:32/2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, met inbegrip van de toepasbare Europese standaarden voor duurzaamheidsinformatie (European Sustainability Reporting Standards (ESRS));
- met naleving van de vereisten in artikel 8 van Verordening (EU) 2020/852 (de "Taxonomieverordening") betreffende de openbaarmaking van de informatie opgenomen in toelichting "SUS-3.3 Rapportages overeenkomstig artikel 8 van Verordening 2020/852 (Taxonomieverordening)" van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie.
Deze verantwoordelijkheid omvat:
- het opzetten, implementeren en in stand houden van dergelijke interne beheersingsmaatregelen die de raad van bestuur noodzakelijk acht voor het opstellen van geconsolideerde duurzaamheidsinformatie die geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van fouten, bevat; en
- het kiezen en toepassen van geschikte methoden voor duurzaamheidsverslaggeving, en het maken van veronderstellingen en schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn.
Het auditcomité is verantwoordelijk voor het toezicht op het duurzaamheidsverslaggevingsproces van de Groep.
Inherente beperkingen bij het opstellen van de duurzaamheidsinformatie
Bij het rapporteren van toekomstgerichte informatie in overeenstemming met de ESRS, wordt van de raad van bestuur vereist dat het de toekomstgerichte informatie opstelt op basis van toegelichte veronderstellingen over gebeurtenissen die zich in de toekomst kunnen voordoen en mogelijke toekomstige maatregelen van de Groep. De feitelijke uitkomst zal waarschijnlijk anders zijn, aangezien verwachte gebeurtenissen vaak niet plaatsvinden zoals verwacht en de afwijking daarvan van materieel belang kan zijn.
Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie
Het is onze verantwoordelijkheid om de assurance-opdracht te plannen en uit te voeren met het oog op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van fouten, bevat, en het uitbrengen van een assurance verslag met een beperkte mate van zekerheid waarin onze conclusie is opgenomen. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de beslissingen genomen door gebruikers op basis van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, beïnvloeden.
Als deel van een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid overeenkomstig ISAE 3000 (Herzien), zoals in België van toepassing, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de opdracht. De uitgevoerde werkzaamheden in een opdracht met het oog op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid, waarvoor wij verwijzen naar de sectie "Samenvatting van de uitgevoerde werkzaamheden", zijn minder uitgebreid dan in het geval van een opdracht met het oog op het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid.
We brengen dan ook geen oordeel met een redelijke mate van zekerheid tot uitdrukking als deel van deze opdracht.
Aangezien de toekomstgerichte informatie in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie en de veronderstellingen waarop deze is gebaseerd, betrekking hebben op de toekomst, kunnen deze worden beïnvloed door gebeurtenissen die zich mogelijk voordoen en/of door mogelijke acties van de Groep. De werkelijke uitkomsten zullen naar alle waarschijnlijkheid afwijken van de veronderstellingen, aangezien de veronderstelde gebeurtenissen zich veelal niet zullen voordoen zoals verwacht en de afwijking daarvan van materieel belang kan zijn. Onze conclusie biedt daarom geen garantie dat de gerapporteerde werkelijke uitkomsten zullen overeenkomen met diegene opgenomen in de toekomstgerichte informatie in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie.
Onze verantwoordelijkheden ten aanzien van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, met betrekking tot het Proces, omvatten:
• Het verwerven van inzicht in het Proces, maar niet met het oog op het verstrekken van een conclusie over de effectiviteit van het Proces, met inbegrip van de uitkomst van het Proces; • Het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden om te evalueren of het Proces in overeenstemming is met de beschrijving van het Proces door de Groep, zoals toegelicht in toelichting SUS-2.4 Materiële impacts, risico's en kansen, en de wisselwerking daarvan met strategie en business-model" van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie.
Onze overige verantwoordelijkheden ten aanzien van de duurzaamheidsinformatie omvatten:
- Het verwerven van inzicht in de beheersingsomgeving van de entiteit, de relevante processen en informatiesystemen voor het opstellen van de duurzaamheidsinformatie, maar zonder de opzet van specifieke controleactiviteiten te beoordelen, onderbouwende informatie over hun implementatie te verkrijgen of de effectieve werking van de opgezette interne beheersingsmaatregelen te toetsen;
- Het identificeren van de gebieden waar van materieel belang zijnde afwijkingen waarschijnlijk zullen optreden in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, of deze nu het gevolg zijn van fraude of fouten; en
- Het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden die inspelen op gebieden waar afwijkingen van materieel belang in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie zich waarschijnlijk zullen voordoen. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing.
Samenvatting van de uitgevoerde werkzaamheden
Een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid omvat het uitvoeren van werkzaamheden om assurance-informatie te verkrijgen over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie. De werkzaamheden die bij een opdracht met een beperkte mate van zekerheid zijn uitgevoerd, zijn verschillend in aard en timing en geringer van omvang dan voor opdrachten tot het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid. Daardoor ligt het niveau van zekerheid dat is verkregen bij een opdracht met een beperkte mate van zekerheid aanzienlijk lager dan wanneer een opdracht met een redelijke mate van zekerheid was uitgevoerd.
De aard, timing en omvang van geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van professionele oordeelsvorming, waaronder de vaststelling van gebieden waar afwijkingen van materieel belang in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, als gevolg van fraude of van fouten, zich waarschijnlijk zullen voordoen.
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Bij het uitvoeren van onze assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid, met betrekking tot het Proces, hebben wij:
- Inzicht verworven in het Proces door:
- het verzoeken om inlichtingen teneinde inzicht te verwerven in de bronnen van informatie gebruikt door het management (bijv. betrokkenheid van belanghebbenden, bedrijfsplannen en strategiedocumenten); en
- het beoordelen van de interne documentatie van de Groep van haar Proces; en
- Geëvalueerd of de assurance-informatie verkregen uit onze werkzaamheden over het door de Groep geïmplementeerde Proces in overeenstemming was met de beschrijving van het Proces zoals uiteengezet in toelichting "SUS-2.4 Materiële impacts, risico's en kansen, en de wisselwerking daarvan met strategie en business-model" van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie.
Bij het uitvoeren van onze assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid, met betrekking tot de duurzaamheidsinformatie, hebben wij:
- Inzicht verworven in de verslaggeving processen van de Groep die relevant zijn voor het opstellen van haar geconsolideerde duurzaamheidsinformatie door het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing, processen en het informatiesysteem die relevant zijn voor het opstellen van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep;
- Geëvalueerd of de informatie zoals vastgesteld door het Proces is opgenomen in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie;
- Geëvalueerd of de structuur en het opstellen van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie overeenstemt met de ESRS;
- Om inlichtingen verzocht bij relevant personeel en cijferanalyses uitgevoerd op geselecteerde informatie in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie;
- Gegevensgerichte assurance werkzaamheden uitgevoerd op basis van een steekproef op geselecteerde informatie in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie;
- Assurance informatie verkregen over de methoden voor het ontwikkelen van schattingen en toekomstgerichte informatie geëvalueerd zoals beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie";
• Inzicht verworven in het proces voor het vaststellen van economische activiteiten die voor de taxonomie in aanmerking komen en op de taxonomie afgestemd zijn en de overeenkomstige toelichtingen in de duurzaamheidsinformatie.
Vermelding betreffende de onafhankelijkheid
Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid, en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep.
Gent, 16 maart 2026
De commissaris PwC Bedrijfsrevisoren BV
Vertegenwoordigd door Lien Winne [74] Bedrijfsrevisor
PwC Bedrijfsrevisoren BV - PwC Reviseurs d'Entreprises SRL - Financial Assurance Services Maatschappelijke zetel/Siège social: Culliganlaan 5, B-1831 Diegem T: +32 (0)2 710 4211, F: +32 (0)2 710 4299, www.pwc.com BTW/TVA BE 0429.501.944 / RPR Brussel - RPM Bruxelles / ING BE43 3101 3811 9501 - BIC BBRUBEBB / BELFIUS BE92 0689 0408 8123 - BIC GKCC BEBB
Commissaris Informatie over dit rapport
Informatie over dit rapport
Inhoud
| Glossarium273 | |
|---|---|
| Financiële kalender275 |
| Over dit rapport276 |
|---|
| Vrijwaringsclausule276 |
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Glossarium
| Maatstaf | Omschrijving |
|---|---|
| Aangepaste gewone winst | De aangepaste gewone winst per aandeel wordt gedefinieerd als de aangepaste gewone winst gedeeld door het gewogen gemiddelde aantal gewone |
| per aandeel | aandelen. |
| Aangepaste EBITDA | De aangepaste EBITDA wordt gedefinieerd als netto resultaat vóór aftrek van netto financiële kosten, winstbelastingen en afschrijvingen. (gewoonlijkgedefinieerd als EBITDA) plus EBITDA-aanpassingen. |
| Aangepaste EBITDA-marge | De aangepaste EBITDA-marge is de aangepaste EBITDA gedeeld door de omzet. |
| Aangepaste winst | Aangepaste winst wordt gedefinieerd als winst over de periode inclusief EBITDA-aanpassingen en het belastingeffect van deze aanpassingen,toerekenbaar aan de eigenaren van de moedermaatschappij. |
| EBITDA-aanpassingen | De componenten die opgenomen worden onder de rubriek EBITDA-aanpassingen zijn deze componenten die door het management niet beschouwdworden als verbonden aan de transacties, projecten en aanpassingen van de waarde van activa en passiva binnen het kader van de gewonebedrijfsactiviteiten van de Groep. Deze opbrengsten en kosten worden afzonderlijk gepresenteerd omdat ze belangrijk zijn vooreen goed begrip doorde gebruikers van de geconsolideerde jaarrekening van de genormaliseerde prestaties van de Groep vanwege hun omvang of aard. |
| De EBITDA-aanpassingen hebben betrekking op: | |
| •Kosten verbonden aan overnames en desinvesteringen; | |
| •Wijzigingen in de waardering van de voorwaardelijke vergoedingen in het kader van bedrijfscombinaties; | |
| •Wijzigingen in de groepsstructuur, kosten met betrekking tot herstructurering van de activiteiten, met inbegrip van kosten die betrekking hebben opde vereffening van dochterondernemingen en de sluiting, opening of verplaatsing van fabrieken; | |
| •Bijzondere waardeverminderingen op activa en significante geschillen. | |
| EBITDA-aanpassingen van de Groep bestaan uit volgende componenten in de geconsolideerde resultatenrekening: | |
| •Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur; en | |
| •Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen. | |
| Vrije kasstroom(FCF) | De vrije kasstroom wordt gedefinieerd als de netto kasstroom gegenereerd uit bedrijfsactiviteiten (zoals weergegeven in het geconsolideerdekasstroomoverzicht, d.w.z. inclusief betaalde winstbelastingen) verminderd met investeringsuitgaven (gedefinieerd als aankopen van materiële vasteactiva en immateriële activa), verminderd met de aflossing van leaseverplichtingen en met inbegrip van geldmiddelen (gebruiktin)/uit vervreemding,minus de financieringskasstromen, d.w.z. betaalde en ontvangen interesten, overige financier |
| Like-for-like (LFL) omzet | Like-for-like omzet,wordt gedefinieerd als omzet tegen constante wisselkoersen, exclusief wijzigingen in de consolidatiekring of fusies en overnames,en hyperinflatie heeft gevolgen voor de gevolgen van hyperinflatie. |
| Netto financiële schuld | De netto financiële schuld wordt berekend door kortlopende en langlopende schulden bij elkaar op te tellen en geldmiddelen enkasequivalenten afte trekken. |
| Hefboomratio | Netto financiële schuld gedeeld door de aangepaste EBITDA voor de laatste twaalf maanden (LTM). |
| Strategisch | |||
|---|---|---|---|
| rapport |
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
| Maatstaf | Omschrijving |
|---|---|
| LTM aangepaste EBITDA | De LTM aangepaste EBITDA van LTM wordt gedefinieerd als de aangepaste EBITDA die in de afgelopen twaalf maanden is gegenereerd, gecorrigeerdvoor de perimeterwijzingen gedurende het jaar tegen het einde van de periode. |
| Netto werkkapitaal | Het netto werkkapitaal wordt berekend door voorraden, handelsvorderingen en vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen bijelkaar op te tellenen handelsschulden en toegerekende kosten en overige schulden af te trekken. |
| Strategisch | |
|---|---|
| rapport |
Commissaris Informatie over dit rapport
Financiële kalender
| Date | Evenement |
|---|---|
| 29pril 2026 | Publicatie van de resultaten van het eerste kwartaal 2026 |
| 5 mei 2026 | Algemene vergadering van de aandeelhouders |
| 30 juli 2026 | Publicatie van de resultaten van het tweede kwartaal en de eerste jaarhelft van 2026 |
| 28 oktober 2026 | Publicatie van de resultaten van het derde kwartaal van 2026 |
Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur
Jaarrekening Duurzaamheidsverklaringen
Commissaris Informatie over dit rapport
Over dit rapport
Elk jaar publiceert Ontex een geïntegreerd rapport over de economische, ecologische en sociale kwesties die voor ons en onze stakeholders het belangrijkst zijn. Ons laatste rapport is gepubliceerd op 17 maart 2026. Dit verslag bevat financiële en niet-financiële informatie voor de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025, tenzij anders aangegeven.
Dit rapport geeft het jaarverslag weer dat is opgesteld in overeenstemming met artikel 3:32 §1 en 3:32/2 van het Wetboek van vennootschappen. In de meeste tabellen van dit verslag zijn de bedragen om redenen van transparantie in miljoen euro weergegeven. Dit kan leiden tot afrondingsverschillen in de tabellen die in het rapport worden gepresenteerd. Dit rapport is opgesteld in het Engels en vertaald naar het Nederlands. In geval van discrepanties tussen de twee versies, prevaleert de Nederlandse versie.
De Groep stelt zijn jaarrekening op en publiceert deze in het European Single Electronic Format (ESEF) in het Nederlands en het Engels. Daarnaast stelt de Groep zijn jaarrekening beschikbaar in het Nederlands en het Engels in pdf-formaat. De Nederlandse jaarrekening die door de Groep in het ESEF-formaat is opgesteld, is de enige officiële ESEF-versie van de jaarrekening die de Groep vrijstelt van de verplichtingen uit de Europese Transparantierichtlijn. De jaarrekening die in pdf-formaat beschikbaar wordt gesteld op de website van de Groep, evenals de jaarrekening die is opgesteld in ESEF-formaat in een andere taal dan het Nederlands, worden derhalve beschouwd als niet-officiële versies en vertalingen. De officiële ESEF-versie prevaleert boven alle niet-officiële en vertaalde versies. De officiële ESEF-versie van de jaarrekening van de Groep staat op de website van de Groep ontex.com.
De vennootschap rapporteert zijn duurzaamheidsinformatie voor het verslagjaar eindigend op 31 december 2025, in overeenstemming met artikel [3:32/2] van de Code van vennootschappen en verenigingen, met inbegrip van de naleving van de toepasselijke Europese Sustainability Reporting Standards ("ESRS").
Het Directieteam van Ontex heeft met dit rapport ingestemd.
Vrijwaringsclausule
Dit rapport kan uitspraken over de toekomst bevatten. Toekomstgerichte verklaringen zijn verklaringen met betrekking tot of gebaseerd op de huidige intenties, overtuigingen of verwachtingen van ons management met betrekking tot, onder andere, de toekomstige bedrijfsresultaten, financiële toestand, liquiditeit, vooruitzichten, groei, strategieën of ontwikkelingen van Ontex in de sector waarin we actief zijn. Door hun aard zijn toekomstgerichte verklaringen onderhevig aan risico's, onzekerheden en veronderstellingen die als gevolg kunnen hebben dat de werkelijke resultaten of toekomstige gebeurtenissen substantieel verschillen van hoe die zijn uitgedrukt of geïmpliceerd. Deze risico's, onzekerheden en veronderstellingen kunnen een negatieve invloed hebben op het resultaat en de financiële consequenties van de hierin beschreven plannen en gebeurtenissen. De toekomstgerichte uitspraken in dit rapport over trends of huidige activiteiten, dienen niet te worden opgevat dat zulke trends of activiteiten zich in de toekomst zullen voortzetten.
Contact
Investeerders
Geoffroy Raskin +32 53 333 730 [email protected]
Media
Catherine Weyne + 32 53 333 622 [email protected]
Duurzaamheid
Elise Barbé +32 53 333 756 [email protected]
Stuur ons uw feedback
<www.ontex.com/contact>
Ontex Groep NV
Korte Keppestraat 21, 9320 Aalst, België <www.ontex.com>
