Management Reports • Apr 13, 2022
Management Reports
Open in ViewerOpens in native device viewer

Naamloze Vennootschap Zinkstraat 1, 2490 Balen Ondernemingsnummer BTW BE 0888.728.945 RPR Turnhout
_________________________________________________
_________________________________________________
Overeenkomstig artikelen 3:5 en 3:6 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen, hebben wij de eer u verslag uit te brengen over de activiteiten van Nyrstar NV (de "Vennootschap") met betrekking tot het boekjaar dat de periode dekt van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021. Dit rapport bevat ook de verklaring inzake deugdelijk bestuur en het remuneratieverslag in overeenstemming met artikel 3:6 §2 en §3 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen zoals aan dit rapport gehecht in respectievelijk bijlage C en D.
De Vennootschap heeft haar statutaire zetel te Zinkstraat 1, Balen, België. De Vennootschap werd op 29 oktober 2007 geïntroduceerd op de beurs van Euronext te Brussel.
Tot 31 juli 2019 was de Vennootschap de holdingvennootschap van de Nyrstar groep (bestaande uit Nyrstar NV en haar dochterondernemingen). Bovendien verleende de Vennootschap tot 31 juli 2019 ook een aantal ondersteunende diensten aan de Nyrstar groep, zoals, maar niet beperkt tot, regionale aankoop, IT, milieu, innovatie en ontwikkeling, continue verbetering en juridische diensten. Na de voltooiing van de Herstructurering van de Nyrstar groep op 31 juli 2019 (in detail beschreven in afdeling 2 hieronder) was het de bedoeling van de Vennootschap om haar activiteiten als houdstervennootschap voort te zetten, waarbij zij 2% van het eigen vermogen in NN2 NewCo Limited ("NN2") aanhoudt ten behoeve van de aandeelhouders van de Vennootschap.
Op 9 december 2019 werd de Buitengewone Algemene Vergadering ("BAV") van de Vennootschap gehouden om te beraadslagen over de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap en een voorgestelde kapitaalvermindering. De aandeelhouders verwierpen de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap. Als zodanig wordt de jaarrekening van de Vennootschap op 31 december 2021 opgesteld op basis van discontinuïteit. Ten gevolge van een beschikking van 26 juni 2020 van de voorzitter van de ondernemingsrechtbank van Antwerpen (afdeling Antwerpen), op verzoek van een groep aandeelhouders, is het de Vennootschap thans verboden om een algemene vergadering te laten plaatsvinden met als agendapunt de ontbinding van de Vennootschap tot drie maanden nadat er een in kracht van gewijsde gegane beslissing over de aanstelling van een college van deskundigen (zie onder afdeling 8.2) zal zijn gewezen.
Krachtens artikel 3:23 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen is een moedervennootschap die zeggenschap heeft over één of meer dochterondernemingen verplicht een geconsolideerde jaarrekening op te stellen, tenzij deze dochterondernemingen, gelet op de geconsolideerde activa, financiële positie of resultaten die slechts van te verwaarlozen betekenis zijn, een geconsolideerde jaarrekening hebben. Gezien Nyrstar NV op 31 december 2021 geen controle had over enige belangrijke dochteronderneming, was de Vennootschap niet verplicht om de geconsolideerde jaarrekening op te stellen voor het jaar eindigend op 31 december 2021. In overeenstemming met artikel 12, §3, laatste paragraaf, van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007, heeft de Vennootschap de enkelvoudige statutaire jaarrekening van 31 december 2021 opgesteld in overeenstemming met het Belgische boekhoudkundig referentiestelsel.
In oktober 2018 startte de voormalige Nyrstar groep het nazicht van haar balansstructuur (het "Nazicht van de Balansstructuur") naar aanleiding van de uitdagende financiële en operationele omstandigheden waarmee de Nyrstar groep werd geconfronteerd. Het Nazicht van de Balansstructuur heeft een zeer aanzienlijke bijkomende financieringsbehoefte aangetoond waaraan de Nyrstar groep niet kon voldoen zonder een aanzienlijke vermindering van de schuldenlast van de Nyrstar groep. Als gevolg hiervan moest er in het kader van het Nazicht van Balansstructuur tussen de financiële schuldeisers van de Nyrstar groep onderhandeld worden, wat uiteindelijk resulteerde in de herstructurering van de Nyrstar groep, die op 31 juli 2019 van kracht werd (de "Herstructurering"). Als gevolg van de Herstructurering is Trafigura Group Pte. Ltd., via haar indirecte 98%-eigendom van de nieuwe holdingvennootschap NN2 Newco Limited ("NN2"), de uiteindelijke moedervennootschap geworden van de voormalige (directe en indirecte) dochterondernemingen van de Vennootschap (de "Operationele Groep"), waarbij het resterende 2%-belang in NN2 (en daarmee de Operationele Groep) in handen is van de Vennootschap.
De overeenkomsten waarbij de Vennootschap thans partij is worden hieronder in meer detail besproken.
De lock-up overeenkomst ("Lock-Up Overeenkomst") die op 14 april 2019 werd gesloten tussen, onder andere, de Vennootschap en vertegenwoordigers van haar belangrijkste groepen van financiële schuldeisers, beoogde dat de Vennootschap, Trafigura Pte Ltd ("Trafigura") en Nyrstar Holdings Limited ("Nyrstar Holdings", een special-purpose vehicle van Trafigura dat werd opgericht, onder andere, ten behoeve van de uitvoering van de Herstructurering, nu bekend onder de naam Nyrstar Holdings Plc) een overeenkomst zouden sluiten waarin zij hun instemming zouden bevestigen met (i) bepaalde stappen die nodig waren voor de uitvoering van de herstructurering zoals beoogd in de Lock-Up Overeenkomst en (ii) de voorwaarden van de huidige relatie tussen de Vennootschap en de Trafigura groep (de "NNV-Trafigura Deed"). De NNV-Trafigura Deed werd op 19 juni 2019 ondertekend. Bepaalde belangrijke bepalingen van het NNV-Trafigura Deed kunnen als volgt worden samengevat.
activa (in waarde) van de Operationele Groep niet langer in handen is van NN2 maar van een ander lid van de Trafigura groep (de "Vervangende HoldCo"), indien (i) de reorganisatie te goeder trouw geschiedt, (ii) de financiële positie van de Vervangende Holdco in wezen dezelfde is als die van NN2 onmiddellijk voorafgaand aan deze intragroepsreorganisatie, (iii) er regelingen worden getroffen zodat aandeelhouders van de Vervangende Holdco (waaronder de Vennootschap) ten aanzien van de Vervangende Holdco in wezen gelijkwaardige rechten en verplichtingen hebben als ten aanzien van NN2, en (iv) de Vennootschap een aandelenbelang in de Vervangende Holdco heeft dat gelijkwaardig is aan haar aandelenbelang in NN2 onmiddellijk voorafgaand aan de intragroepsreorganisatie, met in wezen dezelfde rechten en beschermingen. Indien aan deze voorwaarden is voldaan, zal de Vennootschap alle stappen ondernemen en alle redelijke bijstand verlenen die nodig is om de intragroepsreorganisatie tot stand te brengen, en zal zij te goeder trouw haar medewerking verlenen. Alle kosten die de Vennootschap daarbij redelijkerwijs maakt (met inbegrip van redelijke vergoedingen voor adviseurs), komen ten laste van Trafigura.
Krachtens de NNV-Trafigura Deed kwamen de Vennootschap en Trafigura ook overeen dat Trafigura aan de Vennootschap een optie zou verlenen om een Trafigura entiteit te verplichten het volledige belang van de Vennootschap in NN2 te kopen. De voorwaarden van deze optie zijn uiteengezet in een afzonderlijke overeenkomst, gedateerd 25 juni 2019, tussen de Vennootschap, Trafigura en Nyrstar Holdings (de "Put Option Deed"). Onder de voorwaarden van de Put Option Deed kan de Vennootschap het geheel (maar niet slechts een deel) van haar 2%-belang in NN2 aan Trafigura verkopen tegen een prijs gelijk aan EUR 20 miljoen (de "Putoptie"). In dit verband wordt verwezen naar de informatie over verbonden partijen in de jaarrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 2021 met betrekking tot de verplichte vervroegde terugbetalingsverplichtingen en bepalingen inzake beperkt verhaal onder de Limited Recourse Loan Facility (zoals hieronder gedefinieerd) die van toepassing zullen zijn op de opbrengsten van de Putoptie. De Putoptie kan door de Vennootschap worden uitgeoefend tot 31 juli 2022, onder voorbehoud van beperkte triggers die een vroegere beëindiging van de Put Optie vóór 31 juli 2022 mogelijk maken.
Zoals hierboven vermeld, was de Vennootschap vóór de datum van inwerkingtreding van de Herstructurering, namelijk 31 juli 2019 (de "Effectieve Datum van de Herstructurering"), de uiteindelijke moedervennootschap van de Nyrstar groep, en had ze voordien verscheidene moedervennootschapsgaranties (de "PCG's") verleend ten aanzien van de verplichtingen van haar dochterondernemingen, waaronder, maar niet beperkt tot, twee moedervennootschapsgaranties (de "Trafigura PCG's") die verleend werden ten aanzien van de principale financiële verplichtingen van de toenmalige indirecte dochteronderneming van de Vennootschap, Nyrstar Sales & Marketing AG ("NSM"), aan Trafigura, namelijk in het kader van de Trade Finance Framework Agreement ("TFFA") van USD 650 miljoen en de Bridge Finance Facility Agreement ("BFFA") van USD 250 miljoen. De Trafigura PCG's en alle andere zekerheden en/of garanties die de Operationele Groep aan Trafigura verstrekte in verband met de TFFA en BFFA, werden op de Effectieve Datum van de Herstructurering volledig vrijgegeven.
Voorafgaand aan, en als onderdeel van de uitvoering van, de Herstructurering sloot de Vennootschap een overeenkomst voor de verkoop en overdracht door de Vennootschap van vrijwel al haar activa, waaronder 100% van haar aandelenbezit in Nyrstar Netherlands (Holdings) BV en ook haar deelnemingen (direct en indirect) in haar dochterondernemingen, maar met uitzondering van haar aandelen in NN1 NewCo Limited ("NN1"), aan NN2 (de "NNV-NN2 SPA"). Krachtens de NNV-NN2 SPA geniet de Vennootschap van contractuele overeenkomsten met NN2 en Trafigura met betrekking tot de vrijgave van, of schadeloosstelling voor, aansprakelijkheden voor bestaande financiële schulden en verplichtingen aan derden in verband met financiële, commerciële of andere verplichtingen van de toenmalige leden van de Operationele Groep (de "PCG's"), zodat die
derden geen verhaal meer zouden hebben op de Vennootschap. De vrijstellings- en/of schadeloosstellingsverplichtingen van NN2 waarvan de Vennootschap geniet kunnen als volgt worden samengevat.
Op 23 juli 2019 sloot de Vennootschap een EUR 13,5 miljoen committed limited recourse loan facility af (de "Limited Recourse Loan Facility") die haar door NN2 (als "Lender") ter beschikking werd gesteld. De belangrijkste voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility worden hieronder beschreven. De Limited Recourse Loan Facility wordt in twee afzonderlijke schijven beschikbaar gesteld: (i) tot EUR 8,5 miljoen voor de lopende gewone bedrijfsactiviteiten van de Vennootschap ("Facility A"); en (ii) tot EUR 5 miljoen bestemd voor de betaling van bepaalde kosten in verband met de verdediging in rechtszaken ("Facility B"). Er zijn geen zekerheden, onderpanden of garanties verleend met betrekking tot de verplichtingen van de Vennootschap onder de Limited Recourse Loan Facility.
Op 31 december 2021 was de Vennootschap in het kader van Facility A EUR 5,5 miljoen (2020: 4,6 miljoen) verschuldigd. Facility A kan door de Vennootschap gebruikt worden om dagelijkse bedrijfskosten te dekken, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, redelijke kosten voor bestuurders en personeel, premies voor D&O verzekeringen (voor zover niet betaald vóór de Effectieve Datum van de Herstructurering), auditkosten, juridische kosten (behalve die in verband met rechtszaken of andere lopende of dreigende procedures tegen de Vennootschap, die gefinancierd moeten worden uit Facility B (hieronder gedefinieerd)), noteringskosten en investor relations kosten. De financiering in het kader van Facility A wordt aan de Vennootschap verstrekt op basis van de driemaandelijkse kasstroomprognose die door de Vennootschap wordt opgesteld en aan Trafigura wordt verstrekt als voorwaarde voor de financiering. Het totale bedrag van de fondsen die in het kader van Facility A beschikbaar worden gesteld, is overeengekomen op basis van de geraamde bedrijfskosten van de Vennootschap voor een periode van vijf jaar na de voltooiing van de Herstructurering, rekening houdend met de doorlopende operationele diensten die NN2, zoals overeengekomen in de NNV-NN2 SPA, aan de Vennootschap verleent voor een periode van drie jaar vanaf de Effectieve Datum van de Herstructurering (of korter, afhankelijk van overeengekomen triggers voor vervroegde
beëindiging) (de "Doorlopende Diensten"). De door NN2 aan de Vennootschap te verlenen Doorlopende Diensten omvatten financiële, fiscale, bedrijfsadvies-, IT- en administratieve diensten. De levering van de Doorlopende Diensten aan de Vennootschap is bedoeld om de bedrijfskosten van de Vennootschap in de periode na de Effectieve Datum van de Herstructurering te verminderen.
Op 31 december 2021 had de Vennootschap EUR 2,8 miljoen (2020: EUR 0,9 miljoen) opgenomen onder Facility B. Behoudens de hieronder beschreven beperkingen kan Facility B door de Vennootschap worden aangewend voor de betaling of terugbetaling van kosten in verband met een geschil, procedure, rechtsvordering of vordering (met inbegrip van belastingvorderingen) aangespannen, ingesteld of dreigend tegen de Vennootschap, NN1 Newco Limited ("NN1") of een van hun huidige of vroegere bestuurders of kaderleden (elk een "Vordering").
Onder Facility A kan de Vennootschap tot EUR 4,9 miljoen lenen vóór 31 juli 2021 en vervolgens jaarlijks tot 2024 tot nog eens EUR 1,2 miljoen. Financiering onder Facility B kan worden opgenomen op basis van de kosten die gemaakt worden in verband met een Vordering (onder voorbehoud van de hierna genoemde beperkingen, en tegen overlegging van een factuur voor die kosten). Het gebruik van elke facility is beperkt tot maximaal drie opnames per financieel kwartaal per facility (exclusief PIK Loans (zie hieronder)). Op de datum van dit verslag heeft de Vennootschap EUR 5,8 miljoen opgenomen onder Facility A en EUR 3,2 miljoen onder Facility B.
De rentevoet op de uitstaande bedragen onder de Limited Recourse Loan Facility is de som van EURIBOR plus een marge van 0,5% per jaar. De rente is betaalbaar binnen 10 werkdagen na de verjaardag van de datum waarop het bedrag ter beschikking werd gesteld, met dien verstande dat de rente gekapitaliseerd wordt als zij gedurende een periode van een jaar of langer is aangegroeid en de Vennootschap een kennisgeving in de door de Limited Recourse Loan Facility voorgeschreven vorm heeft gegeven. Elke gekapitaliseerde rente wordt behandeld als een nieuwe lening (een "PIK Loan") onder de betrokken Facility. Elke PIK loan brengt zelf rente op, en die rente kan ook gekapitaliseerd worden. De Vennootschap heeft geen rentebetalingen gedaan, gezien alle tot 31 december 2021 te betalen rente van EUR 43.000 (2020: EUR 15.000) gekapitaliseerd is in een nieuwe PIK Loan.
De Vennootschap mag geen enkel bedrag dat in het kader van Facility A of Facility B wordt geleend gebruiken voor de financiering (direct of indirect) van kosten in verband met het instellen of helpen instellen van vorderingen (met inbegrip van tegenvorderingen of verweer) tegen Trafigura, andere leden van de Trafigura groep, NN2 en/of een Vervangende Holdco, en/of een ander lid van de Operationele Groep), tegen huidige of vroegere bestuurders, kaderleden of adviseurs van deze entiteiten, tegen enige schuldeiser ten aanzien van deze entiteiten (anders dan met toestemming van NN2, welke toestemming niet onredelijk mag worden ingehouden of uitgesteld) of in verband met enige betwisting van de Herstructurering, ook in verband met de TFFA en de BFFA of enig ander document dat door de akte tot implementatie van de Herstructurering werd beoogd.
Indien op enig moment na 31 juli 2020 het bedrag van de beschikbare contanten, na aftrek van het minimum "headroom" bedrag van EUR 1 miljoen, van de Vennootschap (verminderd met enig bedrag van de opbrengst van enige Facility B die bestemd is om te worden aangewend voor kosten die de Vennootschap heeft gemaakt en waarop de Facility B Loan betrekking heeft, maar die nog niet is aangewend)) meer bedraagt dan EUR 1,5 miljoen, moet de Vennootschap, binnen vijf werkdagen na het ontstaan van het overschot aan contanten, het betreffende overschot aan contanten aanwenden voor de terugbetaling van alle uitstaande bedragen onder Facility B. Als er na deze terugbetaling overtollige contanten overblijven, zal de Vennootschap 50% van dat overblijvende overschot aan contanten aanwenden voor de terugbetaling van het uitstaande bedrag onder Facility A, en zal ze (voor zover toegestaan door de toepasselijke wet- en regelgeving) de resterende 50% van dat overschot aan contanten aanwenden voor de betaling van dividenden aan de aandeelhouders van de Vennootschap. Het bovenstaande geldt slechts tot het laatste van (i) de datum waarop de Vennootschap ophoudt haar aandelenbelang van 2% in de Operationele Groep te bezitten (zulk aandelenbelang is ten gevolge van een rechtstreekse deelneming in NN2 of in de Vervangende Holdco (zoals hierboven gedefinieerd) - het "Aandelenbelang van de Vennootschap", en deze datum is de "Exitdatum van de Vennootschap") en (ii) de ontvangst van alle opbrengsten (onder voorbehoud van toegestane/vereiste inhoudingen krachtens de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility) uit vervreemding(en) van het Aandelenbelang van de Vennootschap die leidt (leiden) tot het zich voordoen van de Exitdatum van de Vennootschap (de "Vervreemdingsopbrengsten"), die, voor alle duidelijkheid, ook teweeg wordt gebracht door de uitoefening van de Putoptie.
Onmiddellijk na ontvangst van enige Vervreemdingsopbrengsten, en met inachtneming van de hieronder beschreven bepalingen inzake beperkt verhaal, zal de Vennootschap ervoor zorgen dat deze in de eerste plaats aangewend worden om enig uitstaand bedrag onder Facility B vervroegd terug te betalen, en in de tweede plaats, indien (i) er enige Vervreemdingsopbrengsten overblijven na enige vereiste vervroegde terugbetaling van Facility B, en (ii) het totaalbedrag van alle onder Facility A uitstaande bedragen meer bedraagt dan EUR 5 miljoen, om dergelijke bedragen onder Facility A vervroegd terug te betalen tot of ten belope van een totaalbedrag van EUR 5 miljoen.
De Vennootschap zal ervoor zorgen dat, indien op of na de Exitdatum van de Vennootschap een uitkering wordt betaald aan de aandeelhouders van de Vennootschap, een bedrag gelijk aan die uitkering wordt aangewend om de uitstaande bedragen onder Facility A vóór of gelijktijdig met die uitkering terug te betalen of vervroegd af te lossen.
Aangezien op de datum van dit verslag bedragen zijn opgenomen onder Facility B, zou de uitoefening van de Putoptie bijgevolg niet alleen leiden tot een stopzetting van de mogelijkheid tot opneming onder de Limited Recourse Loan Facility, maar ook tot de terugbetaling van de onder de Limited Recourse Loan Facility opgenomen bedragen met de opbrengst van de uitoefening van de Putoptie, met inachtneming van de hieronder beschreven bepalingen inzake beperkt verhaal. Op de datum van dit verslag zou het bedrag van EUR 20 miljoen moeten worden gebruikt voor de terugbetaling van de bedragen die zijn opgenomen in het kader van de Limited Recourse Loan Facility en die moeten worden betaald uit de opbrengst van de Putoptie overeenkomstig de hieronder beschreven verplichte vervroegde terugbetalingsverplichtingen en bepalingen inzake beperkt verhaal.
De Vennootschap is ook overeengekomen dat, als ze bedragen ontvangt uit kostenvergoedingen, schadevergoedingen en/of andere recuperaties van een tegenpartij bij een Vordering (dergelijke bedragen vormen "Vorderingsopbrengsten"), die Vorderingsopbrengsten onmiddellijk gebruikt moeten worden om de onder Facility B uitstaande bedragen terug te betalen of vervroegd af te lossen.
Bovendien zijn er gebruikelijke bepalingen die verplichten tot vervroegde terugbetaling van de uitstaande bedragen onder Facility A en Facility B of beide in geval van bepaalde gevallen van wanprestatie die een vervroegde invordering door de Lender toelaten.
In overeenstemming met de bepalingen inzake beperkt verhaal van de Limited Recourse Loan Facility (zoals nader uiteengezet onder 2.5.5.), is het verhaal van NN2 op de Vennootschap met betrekking tot de terugbetaling van opgenomen bedragen of enige andere verplichting uit hoofde daarvan echter beperkt tot de eventuele netto activa van de Vennootschap.
Zoals hierboven vermeld is het verhaal van NN2 als Lender onder de Limited Recourse Loan Facility op de terugbetaling daarvan of op enige andere verplichting van de Vennootschap uit hoofde daarvan beperkt tot de "Netto Activa van de Vennootschap", zijnde de activa (met inbegrip van alle huidige en toekomstige eigendommen, inkomsten en rechten van welke aard ook) van de Vennootschap (met uitzondering van activa die worden gehouden of ontvangen in beheer voor een persoon die geen lid is van Nyrstar of haar dochterondernemingen) die haar "Verplichtingen" (zijnde alle huidige of toekomstige verplichtingen en verbintenissen, zowel vaststaande als voorwaardelijke, die alleen of gezamenlijk zijn aangegaan, dan wel als lastgever of borg of in enigerlei andere hoedanigheid) heeft voldaan of daarvoor heeft gezorgd, met uitzondering van de Verplichtingen van de Vennootschap uit hoofde van de Limited Recourse Loan Facility en verbonden financieringsdocumenten die in dit verband buiten beschouwing worden gelaten.
Verder zullen, voor zover de Netto Activa van de Vennootschap ontoereikend zijn om de verplichtingen van de Vennootschap onder de Limited Recourse Loan Facility te voldoen, deze verplichtingen geacht worden beperkt te zijn tot het bedrag van de Netto Activa van de Vennootschap, en de Lender zal niet gerechtigd zijn een vordering in te stellen en zal geen verder verhaal tegen de Vennootschap hebben en de Vennootschap zal niet gehouden zijn tot betaling of anderszins.
Deze beperking van NN2's verhaal op de Vennootschap geldt echter niet voor zover de waarde van de Netto Activa van de Vennootschap wordt aangetast, of NN2 verlies lijdt ten gevolge van een schending door de Vennootschap van enige bepaling van de Limited Recourse Loan Facility (of enig daaraan verbonden financieringsdocument), anders dan de herhalende verklaringen/waarborgen daaronder of de bepalingen die betaling van rente/kosten of terugbetaling/voorafbetaling van de hoofdsom daaronder vereisen.
Indien een Vordering ontstaat tengevolge waarvan de Vennootschap redelijkerwijs verwacht dat zij een beroep zou kunnen doen op Facility B, moet de Vennootschap:
De Vennootschap moet ook met Trafigura overleggen alvorens enige actie te ondernemen in verband met insolventie- of faillissementsprocedures, ook uit hoofde van Boek XX van het Belgisch Wetboek van Economisch Recht.
De Vennootschap is ook verplicht NN2 bepaalde financiële informatie te verstrekken, waaronder driemaandelijkse kasstroomprognoses (en eventuele herzieningen daarvan die krachtens de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility vereist zijn), halfjaarlijkse financiële overzichten en gecontroleerde jaarrekeningen, opgesteld op geconsolideerde basis (voor zover de Vennootschap dochterondernemingen heeft) en in overeenstemming met de boekhoudkundige principes die krachtens de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility overeengekomen zijn.
Bij de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019 werd de "Relatieovereenkomst" tussen Trafigura Group Pte Ltd en de Vennootschap (gedateerd 9 november 2015) beëindigd. De Relatieovereenkomst regelde de relatie tussen de Vennootschap (en de bredere Nyrstar groep) en Trafigura Group Pte. Ltd. en de met haar verbonden personen tussen de ondertekening ervan op 9 november 2015 en de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019.
Op 31 december 2021 is de Vennootschap volledig bevrijd van alle voorwaardelijke verplichtingen die door de Vennootschap eerder waren verstrekt of onherroepelijk waren toegezegd voor schulden en verplichtingen van derden die nog moesten worden overgedragen aan de Trafigura groep (2020: EUR 12,0 miljoen) waarvoor de Vennootschap is gevrijwaard. Voor meer details wordt verwezen naar de toelichting bij de garanties van de moedervennootschap in toelichting C 6.14 en C 6.20.
Op 31 december 2021 heeft de Vennootschap, in haar geldbeleggingen, een 2%-belang in NN2 voor EUR 15.395.000. Op 31 december 2019 had de Vennootschap, in haar geldbeleggingen, ook een 100%-belang in NN1, gewaardeerd op USD 1. NN1 werd echter in het jaar eindigend op 31 december 2020 vrijwillig uitgeschreven uit het Register van Vennootschappen in het Verenigd Koninkrijk en ontbonden. De kortetermijnbelegging in NN2 per 31 december 2021 van EUR 15.395.000 wordt gewaardeerd tegen de laagste van de kosten en de reële waarde, rekening houdend met het feit dat de Vennootschap een Putoptie (zoals hierboven gedefinieerd) heeft, die haar in staat stelt om het geheel (maar niet alleen een deel) van haar 2% belang in NN2 te verkopen aan Trafigura tegen een prijs die gelijk is aan EUR 20 miljoen in totaal te betalen aan de Vennootschap, waardoor er geen bijzondere waardevermindering nodig is op 31 december 2021. In dit verband wordt verwezen naar de informatie over verbonden partijen in de jaarrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 2021 met betrekking tot de verplichte vervroegde aflossing en de bepalingen inzake beperkt verhaal onder de Limited Recourse Loan Facility die van toepassing zal zijn op de opbrengsten van de Putoptie. De Putoptie kan door de Vennootschap worden uitgeoefend tot 31 juli 2022, onder voorbehoud van beperkte triggers die een vroegere beëindiging van de Put Optie vóór 31 juli 2022 mogelijk maken.
Op 18 november 2021 deelde de Vennootschap mee dat ze Moore Corporate Finance had aangesteld om een onafhankelijk expertenadvies op te stellen voor de onafhankelijke bestuurders van de Vennootschap ("Comité van Onafhankelijke Bestuurders"), in het kader van artikel 7:97 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Het advies van de onafhankelijke expert bestaat erin om het Comité van Onafhankelijke Bestuurders te adviseren bij de beoordeling van het voordeel voor de Vennootschap, rekening houdend met alle relevante omstandigheden, van het al dan niet uitoefenen van de Putoptie die de Vennootschap heeft met betrekking tot haar (volledige) 2%-participatie in NN2. Bij zijn beslissing over het al dan niet uitoefenen van de Putoptie zal het Comité van Onafhankelijke Bestuurders ook terdege rekening houden met eventuele onderbouwde biedingen van derden, onder meer van andere aandeelhouders van de Vennootschap dan Trafigura en/of van andere belanghebbenden en derden, die het kon ontvangen met betrekking tot de 2%-participatie in NN2. Dergelijke biedingen op de 2%-participatie in NN2 dienden vóór 15 februari 2022 aan de Vennootschap te worden gericht. Op de datum van dit verslag heeft de Vennootschap geen bod ontvangen. Naar verwachting zal de Raad van Bestuur een beslissing nemen over het al dan niet uitoefenen van de Putoptie of de mogelijke verkoop van de 2%-participatie in NN2 aan een derde partij vóór de vervaldatum van de Putoptie op 31 juli 2022.
Op 9 december 2019 werd een BAV gehouden om te beraadslagen over de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap en een voorgestelde kapitaalvermindering. De aandeelhouders verwierpen de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap. De aandeelhouders verwierpen ook de voorgestelde kapitaalvermindering, waardoor deze niet werd doorgevoerd.
Zoals hierboven uiteengezet, riep de Raad van Bestuur van de Vennootschap een nieuwe BAV bijeen om formeel te beslissen over de ontbinding van de Vennootschap, en indien goedgekeurd, een vereffenaar te benoemen. Ten gevolge van een beschikking van 26 juni 2020 van de voorzitter van de ondernemingsrechtbank te Antwerpen (afdeling Antwerpen), op verzoek van een groep aandeelhouders, is het de Vennootschap echter verboden om een algemene vergadering te houden met de ontbinding van de Vennootschap op de agenda tot drie maanden nadat er een in kracht van gewijsde gegane beslissing over de aanstelling van een college van deskundigen (zie onder afdeling 8.2) zal zijn gewezen.
Deze opmerkingen zijn gebaseerd op de balans en de voorgestelde resultaatbestemming en zijn dus afhankelijk van de goedkeuring van de voorgestelde resultaatbestemming door de aandeelhouders van de Vennootschap. De statutaire jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de Belgische boekhoudwetgeving.
Tijdens het laatste boekjaar genereerde de Vennootschap een netto verlies van EUR 959k en heeft ze een balanstotaal van EUR 16.126k per 31 december 2021.
Het operationeel resultaat vertoont een verlies van EUR 927k. Dit resultaat vloeit voort uit een bedrijfsopbrengst van EUR 755k en de bedrijfskosten van EUR 1.682k.
De bedrijfsopbrengsten zijn gerelateerd aan de terugbetaling van de diverse juridische kosten door de D&O verzekeraars van de Vennootschap.
De bedrijfskosten hebben voornamelijk betrekking op diensten en andere goederen voor EUR 3.494k, voornamelijk met betrekking tot audithonoraria, juridische en advieskosten, bestuurdersvergoedingen en andere administratieve diensten die worden gecompenseerd door een vermindering van de voorziening voor vereffening van EUR 1.779k.
Het financiële resultaat heeft voornamelijk betrekking op:
In 2021 zijn er geen winstbelastingen geweest.
De vlottende activa per 31 december 2021 bestaan uit:
Het eigen vermogen op 31 december 2021 bedroeg negatief EUR 1.649k.
De wijzigingen in het eigen vermogen voor het boekjaar 2021 hebben betrekking op een verlies van EUR 959k.
De verplichtingen per 31 december 2021 hebben voornamelijk betrekking op:
De Raad van Bestuur stelt voor om het verlies van het lopende jaar van EUR 959k toe te wijzen aan de overgedragen verliezen.
Voor informatie over het risicobeheer van de Vennootschap en het beheer van onzekerheden en informatie over het gebruik van financiële instrumenten door de Vennootschap wordt verwezen naar de verklaring inzake deugdelijk bestuur van de Vennootschap.
Als gevolg van de Herstructurering en de uitkomst van de BAV van 9 december 2019, waar de aandeelhouders de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap verwierpen, is de jaarrekening van de Vennootschap op 31 december 2021 opgesteld op basis van discontinuïteit.
Op de datum van goedkeuring van de jaarrekening van 31 december 2021 heeft de Vennootschap geoordeeld dat ze, rekening houdend met haar beschikbare geldmiddelen, kasequivalenten, faciliteiten die haar ter beschikking kwamen als toegezegde faciliteiten bij de voltooiing van de Herstructurering, de mogelijkheid om de Putoptie uit te oefenen en haar kasstroomprognoses voor de komende 12 maanden vanaf de goedkeuring door de Raad van Bestuur van de jaarrekening van 31 december 2021, voldoende liquiditeit heeft om aan haar huidige verplichtingen te voldoen en de behoefte aan werkkapitaal te dekken. De voorspelde beschikbare liquiditeit van de Vennootschap die het niet-opgenomen bedrag van EUR 0,3 miljoen op de datum van dit verslag omvat (van de EUR 1,2 miljoen) dat de Vennootschap ter beschikking staat voor het derde jaar (dat inging op 1 augustus 2021) van Facility A van de Limited Recourse Loan Facility en EUR 1,8 miljoen (van de EUR 5 miljoen) dat niet opgenomen is van Facility B van de Limited Recourse Loan Facility, die op de datum van dit verslag ook is opgenomen, is afhankelijk van verschillende zaken, waaronder de mogelijke benoeming van een vereffenaar en diens volgende stappen, het bestaan en de omvang van de juridische vorderingen tegen de Vennootschap die financiering van deze juridische procedures zouden kunnen vereisen en andere zaken die momenteel niet voorzien zijn, zoals beschreven in afdeling d) van de waarderingsregels hierboven. Als de benoeming van de vereffenaar verder wordt uitgesteld of niet door de aandeelhouders wordt goedgekeurd, of als de kosten hoger uitvallen dan nu verwacht, en er geen uitkeringen met betrekking tot de deelneming van de Vennootschap plaatsvinden, kan de Vennootschap aanvullende financiering nodig hebben. Het risico bestaat dat dergelijke aanvullende financiering niet beschikbaar is voor de Vennootschap of dat ze niet tegen aanvaardbare voorwaarden beschikbaar is. De Vennootschap kan in dat geval ook overwegen de Putoptie van haar 2% belang in NN2 uit te oefenen.
Er hebben zich geen belangrijke gebeurtenissen voorgedaan na het einde van het boekjaar, behalve die welke in afdeling 8 hieronder worden vermeld.
Zoals hierboven beschreven werd op 9 december 2019 de BAV gehouden om te beraadslagen over de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap en een voorgestelde kapitaalvermindering. De aandeelhoudersvergadering verwierp de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap. De aandeelhoudersvergadering verwierp ook de voorgestelde kapitaalvermindering, waardoor deze niet werd uitgevoerd. De Raad van Bestuur van de Vennootschap had de nodige maatregelen genomen om samen met haar commissaris de nodige verslagen op te stellen en had een nieuwe BAV bijeenroepen om een voorstel tot vereffening formeel te onderzoeken. Die BAV zou eerst gehouden worden op 25 maart 2020, maar moest uitgesteld worden wegens de Covid-19 uitbraak en de overeenkomstige beperkingen die in Europa waren ingevoerd. De Vennootschap riep die BAV op 30 april 2020 opnieuw bijeen voor 2 juni 2020 en, als het vereiste aanwezigheidsquorum niet gehaald zou worden, voor 30 juni 2020.
Bepaalde aandeelhouders spanden een kortgeding aan voor de rechtbank van Antwerpen om de rechtbank te verzoeken te bevelen dat de beslissing over de ontbinding van de Vennootschap, na de BAV van 9 december 2019, wordt uitgesteld (i) tot drie maanden nadat een eindverslag is uitgebracht door een college van deskundigen waarvan de benoeming is gevraagd in een afzonderlijke procedure voor de rechtbank, of, als alternatief (ii) tot drie maanden nadat een definitieve beslissing is genomen in de procedure over de benoeming van een college van deskundigen. Op 26 juni 2020 verwierp de rechtbank van Antwerpen de vordering van de minderheidsaandeelhouders voor het uitstel tot drie maanden nadat een eindverslag is uitgebracht door een college van deskundigen waarvan de benoeming wordt gevraagd. De rechtbank heeft echter wel hun vordering toegewezen voor het uitstel van de beslissing tot ontbinding van de Vennootschap tot drie maanden nadat er een in definitieve (d.i. in kracht van gewijsde gegane) beslissing is over de aanstelling van een college van deskundigen. Bijgevolg werd, in overeenstemming met de beschikking van de rechtbank van 26 juni 2020, de voor 30 juni 2020 geplande (tweede) BAV met als agendapunten de besluiten over het voorstel tot ontbinding van de Vennootschap uitgesteld.
De uitgestelde beslissing over het voorstel tot ontbinding van de Vennootschap en de benoeming van een vereffenaar kan een negatief effect hebben op de liquiditeitspositie van de Vennootschap, aangezien de Vennootschap lopende kosten en kosten in verband met de hierboven en hieronder genoemde juridische procedures blijft maken. Als de benoeming van de vereffenaar verder dan zoals momenteel verwacht wordt uitgesteld of niet door de aandeelhoudersvergadering wordt goedgekeurd, of als de kosten hoger uitvallen dan momenteel wordt verwacht en er geen uitkeringen met betrekking tot de 2%-belang in NN2 van de Vennootschap plaatsvinden, kan de Vennootschap zich genoodzaakt zien aanvullende financiering te verwerven. Het risico bestaat dat dergelijke aanvullende financiering niet beschikbaar is voor de Vennootschap of dat ze niet tegen aanvaardbare voorwaarden beschikbaar is. De Vennootschap kan in dat geval ook overwegen de Putoptie van haar 2%-belang in NN2 uit te oefenen. In dit verband wordt verwezen naar de informatie over verbonden partijen in de jaarrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 2021 met betrekking tot de verplichte vervroegde aflossing en bepalingen inzake beperkt verhaal onder de Limited Recourse Loan Facility die van toepassing zal zijn op de opbrengsten van de Putoptie.
Op 27 april 2020 dagvaardde een groep aandeelhouders de Vennootschap in een kortgedingprocedure voor de voorzitter van de ondernemingsrechtbank van Antwerpen (afdeling Antwerpen). De vordering van de eisers strekte ertoe een college van deskundigen te laten aanstellen overeenkomstig artikel 7:160 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Deze procedure werd ingeleid op 5 mei 2020. De pleitzitting vond plaats op 15 september 2020.
Op 30 oktober 2020 heeft de voorzitter van de ondernemingsrechtbank van Antwerpen (afdeling Antwerpen) een beschikking geveld waarin zij de vordering van de eisende aandeelhouders gegrond heeft verklaard. De beschikking van de rechtbank omvatte, maar was niet beperkt tot, de volgende elementen:
De Vennootschap heeft de beschikking samen met haar juridische adviseurs onderzocht en besloten hoger beroep bij het Hof van Beroep te Antwerpen in te stellen. De Vennootschap heeft op 15 december 2020 een verzoekschrift tot instelling van hoger beroep neergelegd. Op 3 maart 2021 hebben de oorspronkelijke eisende aandeelhouders Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. gedagvaard in gedwongen tussenkomst in deze beroepsprocedure. Zij vroegen met name dat het arrest dat het Hof van Beroep zou vellen aan Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. tegenstelbaar en gemeen wordt verklaard. Zowel het beroep van de Vennootschap als de gedwongen tussenkomst van Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. zijn op de zitting van 3 juni 2021 behandeld. Op 2 september 2021 heeft het Hof de heropening van de debatten bevolen om partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te spreken over (i) de derdenverzetbeschikking van 2 juli 2021 (infra), (ii) de memorie en de bewijsstukken die de oorspronkelijke eisende aandeelhouders op 2 augustus 2021 ter uitvoering van voornoemde derdenverzetbeschikking hebben neergelegd, (iii) de beschikking van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) van 29 juni 2021 waarbij, overeenkomstig art. 973 van het Gerechtelijk Wetboek, een aantal zaken in verband met het deskundigenonderzoek worden geregeld, (iv) de stukken betreffende de algemene vergadering van de Vennootschap van 29 juni 2021, en (v) het verzoek tot vrijwillige tussenkomst in het derdenverzet van 22 andere aandeelhouders van de Vennootschap. De nieuwe zitting van de rechtbank was gepland voor 17 februari 2022, maar werd later uitgesteld tot 6 oktober 2022. Intussen zijn op 29 oktober 2021 de voornoemde 22 andere aandeelhouders van de Vennootschap (die zijn tussengekomen in het derdenverzet: infra) ook vrijwillig tussengekomen in de procedure in beroep tegen de beschikking van 30 oktober 2020.
Op 4 februari 2021 hebben Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. derdenverzet ingesteld tegen de voormelde beschikking van 30 oktober 2020. De Vennootschap en de oorspronkelijke eisende aandeelhouders werden ook betrokken in deze procedure. In het kader van dit derdenverzet vroegen Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. dat de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) haar beschikking van 30 oktober 2020 met onmiddellijke ingang intrekt en het deskundigenonderzoek beëindigt, en dit ook ten aanzien van de Vennootschap en de oorspronkelijke eisers. Het derdenverzet werd ingeleid op 26 maart 2021 en werd voor het eerst behandeld op de zitting van 15 juni 2021. Naar aanleiding daarvan werd op 2 juli 2021 een tussenvonnis gewezen. In dit tussenvonnis heeft de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) de oorspronkelijke eisende aandeelhouders gelast een volledig overzicht van hun respectieve transacties in de aandelen van de Vennootschap aan de rechtbank over te leggen. Voorts heeft de Voorzitter het deskundigenonderzoek geschorst totdat na de op 28 september 2021 geplande zitting uitspraak is gedaan
over de nieuwe overgelegde bewijzen. De schorsing van het deskundigenonderzoek had tot doel de eisende aandeelhouders de tijd te geven om bewijsstukken over te leggen van hun deelnemingen en transacties in de Vennootschap, en de partijen, waaronder de Vennootschap, de gelegenheid te bieden de juridische gevolgen van het nieuwe bewijsmateriaal te bespreken, waarna de rechtbank een beslissing zou nemen. Zoals vermeld, heeft op 28 september 2021 een tweede zitting over dit onderwerp plaatsgevonden. Op 19 augustus 2021 hebben 22 andere aandeelhouders van Nyrstar een verzoek ingediend om vrijwillig tussen te komen in deze derdenverzetprocedure. Op 9 november 2021 heeft de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) een tweede vonnis gewezen in dit derdenverzet. In deze beslissing verklaarde de Voorzitter het derdenverzet van Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. gegrond en vernietigde de Voorzitter het vorige vonnis van 30 oktober 2020 ten aanzien van Trafigura PTE Ltd., Trafigura Group PTE Ltd., de Vennootschap en de oorspronkelijke eisende aandeelhouders, waardoor de aanstelling van de deskundigen werd ingetrokken en het deskundigenonderzoek werd stopgezet. De Voorzitter heeft beslist dat de kosten van het deskundigenonderzoek tot op heden zullen worden gedragen door de partij die deze kosten tot op heden overeenkomstig voormeld vonnis heeft gedragen, te weten de Vennootschap. Op 23 december 2021 hebben de oorspronkelijke eisende aandeelhouders en de nieuwe tussenkomende aandeelhouders hoger beroep ingesteld tegen de voormelde vonnissen van 2 juli en 9 november 2021. Dit hoger beroep zal worden behandeld door het Hof van Beroep te Antwerpen. Het is op 3 februari 2022 ingeleid en zal op 6 oktober 2022 worden behandeld.
Op 9 februari 2021 hebben Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. een verzoek tot schorsing van de beschikking van 30 oktober 2020 ingediend bij de Beslagrechter van de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen (afdeling Antwerpen). De Vennootschap en de oorspronkelijke eisende aandeelhouders werden ook in deze procedure betrokken. Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. vragen met name dat de tenuitvoerlegging van de voormelde beschikking onmiddellijk wordt geschorst, en dit tot aan een definitieve uitspraak in de zonet aangehaalde procedure op derdenverzet. Het schorsingsverzoek werd ingeleid op 1 april 2021 en werd behandeld op de zitting van 24 juni 2021. In een beschikking van 15 juli 2021 heeft de Beslagrechter geoordeeld dat een heropening van de debatten zich opdrong, gelet op de voormelde beschikking van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) van 2 juli 2021 (in het derdenverzet). Bijgevolg werd het schorsingsverzoek opnieuw behandeld op de zitting van 28 oktober 2021, waar het opnieuw werd uitgesteld naar de zitting van 2 december 2021. Op die zitting van 2 december 2021 werd de zaak vervolgens naar de rol verwezen voor onbepaalde termijn, gelet op de voormelde tussengekomen beschikking op derdenverzet van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) van 9 november 2021.
Op vrijdag 29 mei 2020 heeft een groep aandeelhouders van de Vennootschap onder meer de Vennootschap en haar bestuurders gedagvaard voor de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Turnhout). Deze dagvaarding volgde op een ingebrekestelling die de bestuurders en bepaalde kaderleden van de Vennootschap op 17 maart 2020 hebben ontvangen.
Op maandag 9 november 2020 bracht deze groep aandeelhouders een verbeterende dagvaarding uit lastens (onder andere) de Vennootschap en haar bestuurders, die de dagvaarding van 29 mei 2020 op bepaalde punten wijzigde.
In deze procedure ten gronde brengen de eisende aandeelhouders de volgende vorderingen:
• een vordering tegen de Vennootschap tot terugbetaling van de kosten die de eisers hebben gemaakt en die niet door de andere gedaagden zouden worden vergoed.
Deze procedure werd ingeleid op 18 november 2020; zij werd echter op de inleidingszitting (op verzoek van eisers) naar de rol verzonden in afwachting van het verslag van het college van deskundigen aangesteld bij beschikking van 30 oktober 2020 van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) (supra, onder " Kortgedingprocedure met betrekking tot de aanstelling van een college van deskundigen"). Er is bijgevolg nog geen conclusiekalender of pleitzitting bepaald.
De Vennootschap en haar Raad van Bestuur betwisten de aanspraken in de dagvaardingen formeel en merken op dat zij zich in het kader van deze procedure stellig zullen verdedigen tegen de vorderingen.
De Vennootschap vernam tevens dat dezelfde groep verzoekende aandeelhouders gelijkaardige aansprakelijkheidsvorderingen heeft ingesteld tegen bepaalde voormalige bestuurders van de Vennootschap en tegen bepaalde vennootschappen behorende tot de Trafigura-groep. De Vennootschap noch haar huidige bestuurders zijn momenteel partij in deze procedures.
De Vennootschap vernam dat er strafrechtelijke klachten zijn ingediend door aandeelhouders. De Vennootschap zal haar medewerking verlenen aan het gerechtelijk onderzoek.
Het Directiecomité van de Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten ("FSMA") heeft in september 2019 beslist om een onderzoek in te stellen naar de informatieverstrekking door de Vennootschap. Dit onderzoek spitste zich aanvankelijk toe op de informatie verstrekt over de commerciële relatie van de Vennootschap met Trafigura.
In een persbericht van 29 mei 2020 heeft de FSMA te kennen gegeven dat dit onderzoek zou worden uitgebreid naar informatie over de verwachte winstbijdrage van en de totale kosten voor de herontwikkeling van de Port Pirie-smelter in Australië en over de solvabiliteits- en liquiditeitspositie van de Vennootschap op het einde van 2018.
De Vennootschap blijft volledig meewerken aan het onderzoek van de FSMA.
De Vennootschap heeft geen bijkantoren.
Tot 31 juli 2019 ondernam de Groep onderzoeks' en ontwikkelingsactiviteiten door middel van een aantal activiteiten in verschillende productievestigingen van de Groep. Deze onderzoeks en ontwikkelingsactiviteiten concentreerden zich voornamelijk op de productie van verschillende niet-grondstofwaardige legeringsproducten en bijproducten in de Metaalverwerkingsactiviteiten van Nyrstar met een hoge marge . Na de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019 doet de Vennootschap niet aan onderzoek of ontwikkeling.
Op 31 december 2021 en 2020 bezat de Vennootschap geen eigen aandelen.
| Uitgegeven aandelen | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Uitstaande aandelen Eigen aandelen |
109.873.001 - |
109.873.001 - |
| Per 31 december | 109.873.001 | 109.873.001 |
| Beweging in de uitstaande aandelen | 2021 | 2020 |
| Per 1 januari | 109.873.001 | 109.873.001 |
| Kapitaalsverhoging | - | - |
| Overdracht in kader van LTIP Per 31 december |
- 109.873.001 |
- 109.873.001 |
Bestuurders worden geacht hun persoonlijke en zakelijke activiteiten zo te regelen dat ze belangenconflicten met de Vennootschap vermijden. Elke bestuurder met een een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met het belang van de vennootschap (zoals uiteengezet in artikel 7:96 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen) naar aanleiding van een een bepaald agendapunt van de Raad van Bestuur, moet dit melden aan de commissaris van de Vennootschap en zijn medebestuurders. Hij mag dan niet deelnemen aan de beraadslagingen of de stemming over dat punt. Bepaling 1.4 van het Charter omschrijft de procedure voor transacties tussen Nyrstar en de bestuurders die niet gedekt worden door de wettelijke bepalingen op het belangenconflict.
Voor zover de Raad van Bestuur weet, zijn er, in de periode waarop dit verslag betrekking heeft, geen mogelijke belangenconflicten tussen de verplichtingen van de Bestuurders ten aanzien van Vennootschap en hun persoonlijke belangen en/of andere verplichtingen.
Er is bijgevolg geen niet-naleving geweest van artikel 7:96 van het het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
Voor zover de Raad van Bestuur weet, zijn er, in de periode waarop dit verslag betrekking heeft, geen transacties tussen de Vennootschap en een van haar verbonden partijen zoals bedoeld in artikel 7:97 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Er is dus geen procedure gevolgd overeenkomstig artikel 7:97 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
Zoals hierboven vermeld, deelde de Vennootschap op 18 november 2021 mee dat ze Moore Corporate Finance had aangesteld om een onafhankelijk expertenadvies op te stellen voor het Comité van Onafhankelijke Bestuurders in het kader van artikel 7:97 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Het advies van de onafhankelijke expert bestaat erin om het Comité van Onafhankelijke Bestuurders te adviseren bij de beoordeling van het voordeel voor de Vennootschap, rekening houdend met alle relevante omstandigheden, van het al dan niet uitoefenen van de Putoptie die de Vennootschap heeft met betrekking tot haar (volledige) 2%-participatie in NN2. Naar verwachting zal de Raad van Bestuur een beslissing nemen over het al dan niet uitoefenen van de Putoptie of de mogelijke verkoop van de 2%-participatie in NN2 aan een derde partij vóór de vervaldatum van de Putoptie op 31 juli 2022, na voltooiing van de procedure van artikel 7:97 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
De elementen die moeten worden opgegeven in overeenstemming met artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 voor zover die elementen van aard zijn een gevolg te hebben in geval van een openbare overnamebieding, worden gedetailleerd besproken in de verklaring inzake deugdelijk bestuur in bijlage B bij dit rapport.
Het Auditcomité bestaat uit minstens drie bestuurders. Alle leden van het Auditcomité zijn niet-uitvoerende bestuurders. Overeenkomstig het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen, moeten alle leden van het Auditcomité nietuitvoerende bestuurders zijn, en moet minstens één lid van het Auditcomité onafhankelijk zijn in de zin van de Belgische Corporate Governance Code. De leden van het Auditcomité op datum van 31 december 2021 waren Anne Fahy (Voorzitter), Jane Moriarty en Carole Cable. De huidige samenstelling van het Auditcomité leeft het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen na. Voor de verantwoording van de onafhankelijkheid en de deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit van de leden van het Auditcomité wordt verwezen naar de verklaring inzake deugdelijk bestuur van de Vennootschap.
De leden van het Auditcomité beschikken over een collectieve deskundigheid op het gebied van de activiteiten van de Vennootschap, alsook in boekhouding, audit en financiën. De huidige Voorzitter van het Auditcomité is deskundig op het gebied van boekhouding en audit, zoals wordt aangetoond door haar voorgaande functies als Chief Financial Officer bij BP's Aviation Fuels business. Volgens de Raad van Bestuur voldoen de andere leden van het Auditcomité ook aan deze vereiste, zoals aangetoond door de verschillende mandaten in het senior management en bestuursmandaten die zij in het verleden hebben bekleed en momenteel bekleden (zie ook "—Andere Mandaten" in de verklaring inzake deugdelijk bestuur).
De opdrachten van het Auditcomité kunnen variëren naargelang de omstandigheden. Het Auditcomité heeft echter hoofdzakelijk de volgende taken (artikel 7:99 §4 WVV):
Het Auditcomité rapporteert regelmatig aan de Raad van Bestuur over de uitoefening van haar opdrachten, inclusief bij het voorbereiden van de jaarrekening.
In principe komt het Auditcomité zo vaak samen als nodig voor de efficiënte werking van het Auditcomité, maar minstens tweemaal per jaar.
De Raad van Bestuur verzoeken de aandeelhouders van de Vennootschap om de hierbijgevoegde enkelvoudige jaarrekening te willen goedkeuren en om kwijting te willen verlenen aan de Bestuurders van de Vennootschap en aan de commissaris voor de uitoefening van hun mandaat gedurende het boekjaar van de Vennootschap.
* * *
Gedaan te Brussel op 12 april 2022
Namens de Raad van Bestuur,
Martyn Konig Bestuurder
___________________________ ___________________________
Anne Fahy Bestuurder
Bijlage A: Statutaire jaarrekening van Nyrstar NV voor het jaar eindigend op 31 december 2021
Bijlage B: Verantwoordelijkheidsverklaring van Nyrstar NV voor het jaar eindigend op 31 december 2021
Bijlage C: Verklaring inzake deugdelijk bestuur in overeenstemming met artikel 3:6 §2 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen
Bijlage D: Remuneratieverslag in overeenstemming met artikel 3:6 §3 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen
Statutaire jaarrekening van Nyrstar NV voor het jaar eindigend op 31 december 2021
[Apart document]
Ondergetekende, Martyn Konig, Voorzitter van de Raad van Bestuur, en Anne Fahy, Bestuurder, verklaren dat voor zover zij weten:
Brussel, 12 april 2022
Martyn Konig Anne Fahy Voorzitter van de Raad van Bestuur Bestuurder
Verklaring inzake deugdelijk bestuur in overeenstemming met artikel 3:6 §2 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen
[Apart document]
[Apart document]
| JAARREKENING EN/OF ANDERE OVEREENKOMSTIG HET WETBOEK VAN VENNOOTSCHAPPEN EN VERENIGINGEN NEER TE LEGGEN DOCUMENTEN |
||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| IDENTIFICATIEGEGEVENS (op datum van neerlegging) | ||||||
| NAAM: Nyrstar |
||||||
| 1 Rechtsvorm : |
Naamloze vennootschap | |||||
| Adres: Zinkstraat |
Nr.: 1 |
|||||
| Postnummer: 2490 |
Gemeente: Balen |
|||||
| Land: België |
||||||
| 2 Internetadres : |
Rechtspersonenregister (RPR) - Ondernemingsrechtbank van | Antwerpen, afdeling Turnhout | ||||
| E-mailadres : 2 | Ondernemingsnummer | 0888728945 | ||||
| DATUM 9/04/2019 van de neerlegging van het recentste stuk dat de datum van bekendmaking van de oprichtingsakte en van de akte tot statutenwijziging vermeldt. |
||||||
| Deze neerlegging betreft : 3 | ||||||
| de JAARREKENING in X |
4 EURO (2 decimalen) |
goedgekeurd door de algemene vergadering van | 28/06/2022 | |||
| de ANDERE DOCUMENTEN X |
||||||
| met betrekking tot | ||||||
| het boekjaar dat de periode dekt van | tot 1/01/2021 |
31/12/2021 | ||||
| het vorig boekjaar van de jaarrekening van | tot 1/01/2020 |
31/12/2020 | ||||
| 5 De bedragen van het vorige boekjaar zijn / zijn niet identiek met die welke eerder openbaar werden gemaakt. |
||||||
| Totaal aantal neergelegde bladen: | 47 | Nummers van de secties van het standaardmodel die niet werden neergelegd | ||||
| omdat ze niet dienstig zijn: 6.1, 6.2.1, 6.2.2, 6.2.3, 6.2.4, 6.2.5, 6.3.1, 6.3.2, 6.3.3, 6.3.4, 6.3.5, 6.3.6, 6.4.1, 6.4.2, 6.4.3, 6.5.1, 6.5.2, 6.17, 6.18.2, 7, 8, 9, 11, 12, 13, 14, 15 |
||||||
| Handtekening (naam en hoedanigheid) |
Handtekening (naam en hoedanigheid) |
|||||
| Martyn Konig | Anne Fahy | |||||
| Bestuurder | Bestuurder |
VOL-kap 1
In voorkomend geval wordt na de rechtsvorm "in vereffening" vermeld. 1
Facultatieve vermelding. 2
3 Aanvinken van het (de) gepaste vak(ken).
Indien nodig, aanpassen van de eenheid en munt waarin de bedragen zijn uitgedrukt. 4
Schrappen wat niet van toepassing is. 5
VOLLEDIGE LIJST met naam, voornamen, beroep, woonplaats (adres, nummer, postnummer en gemeente) en functie in de vennootschap
Zinkstraat 1, 2490 Balen, België
Mandaat: Voorzitter van de raad van bestuur, begin: 05/11/2019, einde: 27/06/2023
Cable Carole Zinkstraat 1, 2490 Balen, België
Mandaat: Bestuurder, begin: 29/06/2021, einde: 24/06/2025
Zinkstraat 1, 2490 Balen, België
Mandaat: Bestuurder, begin: 29/06/2020, einde: 25/06/2024
Moriarty Jane
Zinkstraat 1, 2490 Balen, België
Mandaat: Bestuurder, begin: 14/03/2019, einde: 27/06/2023
Lidmaatschapsnummer: B00023 Vincilaan 9, 1930 Zaventem, België
Mandaat: Commissaris, begin: 24/09/2020, einde: 29/06/2023
Vertegenwoordigd door:
Claes Gert 1.
Da Vincilaan 9 , bus E.6 1935 Corporate Village België
, Lidmaatschapsnummer: A01775
Het bestuursorgaan verklaart dat geen enkele opdracht voor nazicht of correctie werd gegeven aan iemand die daar wettelijk niet toe gemachtigd is met toepassing van de artikelen 34 en 37 van de wet van 22 april 1999 betreffende de boekhoudkundige en fiscale beroepen.
De jaarrekening werd / werd niet * geverifieerd of gecorrigeerd door een externe accountant of door een bedrijfsrevisor die niet de commissaris is.
In bevestigend geval, moeten hierna worden vermeld: naam, voornamen, beroep en woonplaats van elke externe accountant of bedrijfsrevisor en zijn lidmaatschapsnummer bij zijn Instituut, evenals de aard van zijn opdracht:
Indien taken bedoeld onder A. of onder B. uitgevoerd zijn door erkende boekhouders of door erkende boekhouders-fiscalisten, kunnen hierna worden vermeld: naam, voornamen, beroep en woonplaats van elke erkende boekhouder of erkende boekhouderfiscalist en zijn lidmaatschapsnummer bij het Beroepsinstituut van erkende Boekhouders en Fiscalisten, evenals de aard van zijn opdracht.
| Naam, voornamen, beroep en woonplaats | Lidmaatschaps nummer |
Aard van de opdracht (A, B, C en/of D) |
|---|---|---|
* Schrappen wat niet van toepassing is.
** Facultatieve vermelding.
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|---|
| ACTIVA | ||||
| OPRICHTINGSKOSTEN | 6.1 | 20 | ||
| VASTE ACTIVA | 21/28 | |||
| Immateriële vaste activa | 6.2 | 21 | ||
| Materiële vaste activa | 6.3 | 22/27 | ||
| Terreinen en gebouwen | 22 | |||
| Installaties, machines en uitrusting | 23 | |||
| Meubilair en rollend materieel | 24 | |||
| Leasing en soortgelijke rechten | 25 | |||
| Overige materiële vaste activa | 26 | |||
| Activa in aanbouw en vooruitbetalingen | 27 | |||
| Financiële vaste activa | 6.4 / 6.5.1 |
28 | ||
| Verbonden ondernemingen | 6.15 | 280/1 | ||
| Deelnemingen | 280 | |||
| Vorderingen | 281 | |||
| Ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat |
6.15 | 282/3 | ||
| Deelnemingen | 282 | |||
| Vorderingen | 283 | |||
| Andere financiële vaste activa | 284/8 | |||
| Aandelen | 284 | |||
| Vorderingen en borgtochten in contanten | 285/8 | |||
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|---|
| VLOTTENDE ACTIVA | 29/58 | 16.125.552,36 | 16.999.373,83 | |
| Vorderingen op meer dan één jaar | 29 | |||
| Handelsvorderingen | 290 | |||
| Overige vorderingen | 291 | |||
| Voorraden en bestellingen in uitvoering | 3 | |||
| Voorraden | 30/36 | |||
| Grond- en hulpstoffen | 30/31 | |||
| Goederen in bewerking | 32 | |||
| Gereed product | 33 | |||
| Handelsgoederen | 34 | |||
| Onroerende goederen bestemd voor verkoop | 35 | |||
| Vooruitbetalingen | 36 | |||
| Bestellingen in uitvoering | 37 | |||
| Vorderingen op ten hoogste één jaar | 40/41 | 180.634,76 | 270.207,81 | |
| Handelsvorderingen | 40 | |||
| Overige vorderingen | 41 | 180.634,76 | 270.207,81 | |
| Geldbeleggingen | 6.5.1 / 6.6 |
50/53 | 15.395.000,00 | 15.395.000,00 |
| Eigen aandelen | 50 | |||
| Overige beleggingen | 51/53 | 15.395.000,00 | 15.395.000,00 | |
| Liquide middelen | 54/58 | 62.819,70 | 601.363,36 | |
| Overlopende rekeningen | 6.6 | 490/1 | 487.097,90 | 732.802,66 |
| TOTAAL VAN DE ACTIVA | 20/58 | 16.125.552,36 | 16.999.373,83 |
| Nr. | 0888728945 | Nyrstar | VOL-kap 3.2 | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |||
| PASSIVA | ||||||
| EIGEN VERMOGEN | 10/15 | -1.649.042,54 | -689.895,01 | |||
| Inbreng | 6.7.1 | 10/11 | 1.330.530.636,44 | 1.330.530.636,44 | ||
| Kapitaal | 10 | 114.134.760,97 | 114.134.760,97 | |||
| Geplaatst kapitaal | 100 | 114.134.760,97 | 114.134.760,97 | |||
| 4 Niet-opgevraagd kapitaal |
101 | |||||
| Buiten kapitaal | 11 | 1.216.395.875,47 | 1.216.395.875,47 | |||
| Uitgiftepremies | 1100/10 | 1.216.395.875,47 | 1.216.395.875,47 | |||
| Andere | 1109/19 | |||||
| Herwaarderingsmeerwaarden | 12 | |||||
| Reserves | 13 | 16.257.028,06 | 16.257.028,06 | |||
| Onbeschikbare reserves | 130/1 | 16.257.028,06 | 16.257.028,06 | |||
| Wettelijke reserve | 130 | 16.257.028,06 | 16.257.028,06 | |||
| Statutair onbeschikbare reserves | 1311 | |||||
| Inkoop eigen aandelen | 1312 | |||||
| Financiële steunverlening | 1313 | |||||
| Overige | 1319 | |||||
| Belastingvrije reserves | 132 | |||||
| Beschikbare reserves | 133 | |||||
| Overgedragen winst (verlies) | (+)/(-) | 14 | -1.348.436.707,04 | -1.347.477.559,51 | ||
| Kapitaalsubsidies | 15 | |||||
| netto-actief | Voorschot aan de vennoten op de verdeling van het 5 |
19 | ||||
| VOORZIENINGEN EN UITGESTELDE BELASTINGEN | 16 | 9.057.329,92 | 10.870.852,00 | |||
| Voorzieningen voor risico's en kosten | 160/5 | 9.057.329,92 | 10.870.852,00 | |||
| Pensioenen en soortgelijke verplichtingen | 160 | |||||
| Belastingen | 161 | |||||
| Grote herstellings- en onderhoudswerken | 162 | |||||
| Milieuverplichtingen | 163 | |||||
| Overige risico's en kosten | 6.8 | 164/5 | 9.057.329,92 | 10.870.852,00 | ||
| Uitgestelde belastingen | 168 | |||||
Bedrag in mindering te brengen van het geplaatst kapitaal. 4
Bedrag in mindering te brengen van de andere bestanddelen van het eigen vermogen. 5
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|---|
| SCHULDEN | 17/49 | 8.717.264,98 | 6.818.416,84 | |
| Schulden op meer dan één jaar | 6.9 | 17 | ||
| Financiële schulden | 170/4 | |||
| Achtergestelde leningen | 170 | |||
| Niet-achtergestelde obligatieleningen | 171 | |||
| Leasingschulden en soortgelijke schulden | 172 | |||
| Kredietinstellingen | 173 | |||
| Overige leningen | 174 | |||
| Handelsschulden | 175 | |||
| Leveranciers | 1750 | |||
| Te betalen wissels | 1751 | |||
| Vooruitbetalingen op bestellingen | 176 | |||
| Overige schulden | 178/9 | |||
| Schulden op ten hoogste één jaar | 6.9 | 42/48 | 8.701.083,72 | 6.793.247,36 |
| Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen |
42 | |||
| Financiële schulden | 43 | 8.386.685,52 | 5.527.017,29 | |
| Kredietinstellingen | 430/8 | |||
| Overige leningen | 439 | 8.386.685,52 | 5.527.017,29 | |
| Handelsschulden | 44 | 267.633,77 | 1.222.172,76 | |
| Leveranciers | 440/4 | 267.633,77 | 1.222.172,76 | |
| Te betalen wissels | 441 | |||
| Vooruitbetalingen op bestellingen | 46 | |||
| Schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen en sociale lasten |
6.9 | 45 | 46.764,43 | 44.057,31 |
| Belastingen | 450/3 | 14.471,89 | 14.673,41 | |
| Bezoldigingen en sociale lasten | 454/9 | 32.292,54 | 29.383,90 | |
| Overige schulden | 47/48 | |||
| Overlopende rekeningen | 6.9 | 492/3 | 16.181,26 | 25.169,48 |
| TOTAAL VAN DE PASSIVA | 10/49 | 16.125.552,36 | 16.999.373,83 |
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Bedrijfsopbrengsten | 70/76A | 754.716,14 | 1.110.492,72 | ||
| Omzet | 6.10 | 70 | |||
| Voorraad goederen in bewerking en gereed product en bestellingen in uitvoering: toename (afname) |
(+)/(-) | 71 | |||
| Geproduceerde vaste activa | 72 | ||||
| Andere bedrijfsopbrengsten | 6.10 | 74 | 38.319,01 | ||
| Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten | 6.12 | 76A | 716.397,13 | 1.110.492,72 | |
| Bedrijfskosten | 60/66A | 1.681.510,65 | 12.756.259,03 | ||
| Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen | 60 | ||||
| Aankopen | 600/8 | ||||
| Voorraad: afname (toename) | (+)/(-) | 609 | |||
| Diensten en diverse goederen | 61 | 3.494.063,76 | 4.211.918,52 | ||
| Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen | (+)/(-) | 6.10 | 62 | ||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, op immateriële en materiële vaste activa |
630 | ||||
| Waardeverminderingen op voorraden, op bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen: toevoegingen (terugnemingen) |
(+)/(-) | 6.10 | 631/4 | ||
| Voorzieningen voor risico's en kosten: toevoegingen (bestedingen en terugnemingen) |
(+)/(-) | 6.10 | 635/8 | -34.322,08 | 42.167,00 |
| Andere bedrijfskosten | 6.10 | 640/8 | 968,97 | 1.273,51 | |
| Als herstructureringskosten geactiveerde bedrijfs kosten |
(-) | 649 | |||
| Niet-recurrente bedrijfskosten | 6.12 | 66A | -1.779.200,00 | 8.500.900,00 | |
| Bedrijfswinst (Bedrijfsverlies) | (+)/(-) | 9901 | -926.794,51 | -11.645.766,31 |
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Financiële opbrengsten | 75/76B | 12.206,62 | 6.329,40 | ||
| Recurrente financiële opbrengsten | 75 | 12.206,62 | 6.329,40 | ||
| Opbrengsten uit financiële vaste activa | 750 | ||||
| Opbrengsten uit vlottende activa | 751 | 0,10 | |||
| Andere financiële opbrengsten | 6.11 | 752/9 | 12.206,62 | 6.329,30 | |
| Niet-recurrente financiële opbrengsten | 6.12 | 76B | |||
| Financiële kosten | 6.11 | 65/66B | 44.559,64 | 36.082,52 | |
| Recurrente financiële kosten | 65 | 44.559,64 | 36.082,52 | ||
| Kosten van schulden | 650 | 34.892,17 | 21.113,32 | ||
| Waardeverminderingen op vlottende activa andere dan voorraden, bestellingen in uitvoering en handels vorderingen: toevoegingen (terugnemingen) |
(+)/(-) | 651 | |||
| Andere financiële kosten | 652/9 | 9.667,47 | 14.969,20 | ||
| Niet-recurrente financiële kosten | 6.12 | 66B | |||
| Winst (Verlies) van het boekjaar voor belasting | (+)/(-) | 9903 | -959.147,53 | -11.675.519,43 | |
| Onttrekking aan de uitgestelde belastingen | 780 | ||||
| Overboeking naar de uitgestelde belastingen | 680 | ||||
| Belastingen op het resultaat | (+)/(-) | 6.13 | 67/77 | 2.030,27 | |
| Belastingen | 670/3 | 2.030,27 | |||
| Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen |
77 | ||||
| Winst (Verlies) van het boekjaar | (+)/(-) | 9904 | -959.147,53 | -11.677.549,70 | |
| Onttrekking aan de belastingvrije reserves | 789 | ||||
| Overboeking naar de belastingvrije reserves | 689 | ||||
| Te bestemmen winst (verlies) van het boekjaar | (+)/(-) | 9905 | -959.147,53 | -11.677.549,70 |
| Nr. | 0888728945 | Nyrstar | VOL-kap 5 | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| RESULTAATVERWERKING | ||||||
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | ||||
| Te bestemmen winst (verlies) | (+)/(-) | 9906 | -1.348.436.707,04 | -1.347.477.559,51 | ||
| Te bestemmen winst (verlies) van het boekjaar | (+)/(-) | (9905) | -959.147,53 | -11.677.549,70 | ||
| Overgedragen winst (verlies) van het vorige boekjaar | (+)/(-) | 14P | -1.347.477.559,51 | -1.335.800.009,81 | ||
| Onttrekking aan het eigen vermogen | 791/2 | |||||
| aan de inbreng | 791 | |||||
| aan de reserves | 792 | |||||
| Toevoeging aan het eigen vermogen | 691/2 | |||||
| aan de inbreng | 691 | |||||
| aan de wettelijke reserve | 6920 | |||||
| aan de overige reserves | 6921 | |||||
| Over te dragen winst (verlies) | (+)/(-) | (14) | -1.348.436.707,04 | -1.347.477.559,51 | ||
| Tussenkomst van de vennoten in het verlies | 794 | |||||
| Uit te keren winst | 694/7 | |||||
| Vergoeding van de inbreng | 694 | |||||
| Bestuurders of zaakvoerders | 695 | |||||
| Werknemers | 696 | |||||
| Andere rechthebbenden | 697 |
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|
| OVERIGE GELDBELEGGINGEN | |||
| Aandelen en geldbeleggingen andere dan vastrentende beleggingen | 51 | 15.395.000,00 | 15.395.000,00 |
| Aandelen - Boekwaarde verhoogd met het niet-opgevraagde bedrag | 8681 | 15.395.000,00 | 15.395.000,00 |
| Aandelen - Niet-opgevraagd bedrag | 8682 | ||
| Edele metalen en kunstwerken | 8683 | ||
| Vastrentende effecten | 52 | ||
| Vastrentende effecten uitgegeven door kredietinstellingen | 8684 | ||
| Termijnrekeningen bij kredietinstellingen | 53 | ||
| Met een resterende looptijd of opzegtermijn van | |||
| hoogstens één maand | 8686 | ||
| meer dan één maand en hoogstens één jaar | 8687 | ||
| meer dan één jaar | 8688 | ||
| Hierboven niet-opgenomen overige geldbeleggingen | 8689 | ||
| Boekjaar | |
|---|---|
| OVERLOPENDE REKENINGEN | |
| Uitsplitsing van de post 490/1 van de activa indien daaronder een belangrijk bedrag voorkomt. | |
| Kosten verzekering | 275.490,24 |
| Erelonen commissaris | 69.740,00 |
| Diverse erelonen - consultants | 40.000,00 |
| Telefoon/communicatie | 6.609,16 |
| Advocaatkosten terugbet. door verzekering | 95.258,50 |
Geplaatst kapitaal per einde van het boekjaar Geplaatst kapitaal per einde van het boekjaar
Wijzigingen tijdens het boekjaar
Samenstelling van het kapitaal Soorten aandelen
Aandelen op naam
Gedematerialiseerde aandelen
| Boekjaar | Vorig boekjaar |
|---|---|
| 114.134.760,97 | |
| 114.134.760,97 | |
| XXXXXXXXXXXXXX |
| Codes | Bedragen | Aantal aandelen | |
|---|---|---|---|
| Wijzigingen tijdens het boekjaar | |||
| Samenstelling van het kapitaal | |||
| Gewone aandelen zonder vermelding van nominale waarde | 114.134.760,97 | 109.873.001 | |
| Aandelen op naam | 8702 | XXXXXXXXXXXXXX | 7.429.434 |
| Gedematerialiseerde aandelen | 8703 | XXXXXXXXXXXXXX | 102.443.567 |
| Codes | Niet-opgevraagd bedrag | Opgevraagd, niet-gestort bedrag |
|
|---|---|---|---|
| Niet-gestort kapitaal | |||
| Niet-opgevraagd kapitaal | (101) | XXXXXXXXXXXXXX | |
| Opgevraagd, niet-gestort kapitaal | 8712 | XXXXXXXXXXXXXX | |
| Aandeelhouders die nog moeten volstorten | |||
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| Eigen aandelen | ||
| Gehouden door de vennootschap zelf | ||
| Kapitaalbedrag | 8721 | |
| Aantal aandelen | 8722 | |
| Gehouden door haar dochters | ||
| Kapitaalbedrag | 8731 | |
| Aantal aandelen | 8732 | |
| Verplichtingen tot uitgifte van aandelen | ||
| Als gevolg van de uitoefening van conversierechten | ||
| Bedrag van de lopende converteerbare leningen | 8740 | |
| Bedrag van het te plaatsen kapitaal | 8741 | |
| Maximum aantal uit te geven aandelen | 8742 | |
| Als gevolg van de uitoefening van inschrijvingsrechten | ||
| Aantal inschrijvingsrechten in omloop | 8745 | |
| Bedrag van het te plaatsen kapitaal | 8746 | |
| Maximum aantal uit te geven aandelen | 8747 | |
| Toegestaan, niet-geplaatst kapitaal | 8751 |
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| Aandelen buiten kapitaal | ||
| Verdeling | ||
| Aantal aandelen | 8761 | |
| Daaraan verbonden stemrecht | 8762 | |
| Uitsplitsing van de aandeelhouders | ||
| Aantal aandelen gehouden door de vennootschap zelf | 8771 | |
| Aantal aandelen gehouden door haar dochters | 8781 | |
BIJKOMENDE TOELICHTING MET BETREKKING TOT DE INBRENG (WAARONDER DE INBRENG IN NIJVERHEID)

zoals die blijkt uit de kennisgevingen die de vennootschap heeft ontvangen overeenkomstig artikel 7:225 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, artikel 14, 4de lid van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen of artikel 5 van het koninklijk besluit van 21 augustus 2008 houdende nadere regels betreffende bepaalde multilaterale handelsfaciliteiten.
Nyrstar
| Boekjaar | |
|---|---|
| UITSPLITSING VAN DE POST 164/5 VAN DE PASSIVA INDIEN DAARONDER EEN BELANGRIJK | |
| BEDRAG VOORKOMT. | |
| Provisie voor vereffeningskosten | 9.021.700,00 |
| Provisie voor verplichtingen uit andere aandelen optieplannen | 35.629,92 |
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| UITSPLITSING VAN DE SCHULDEN MET EEN OORSPRONKELIJKE LOOPTIJD VAN MEER DAN ÉÉN JAAR, NAARGELANG HUN RESTERENDE LOOPTIJD |
||
| Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen | ||
| Financiële schulden | 8801 | |
| Achtergestelde leningen | 8811 | |
| Niet-achtergestelde obligatieleningen | 8821 | |
| Leasingschulden en soortgelijke schulden | 8831 | |
| Kredietinstellingen | 8841 | |
| Overige leningen | 8851 | |
| Handelsschulden | 8861 | |
| Leveranciers | 8871 | |
| Te betalen wissels | 8881 | |
| Vooruitbetalingen op bestellingen | 8891 | |
| Overige schulden | 8901 | |
| Totaal der schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen | (42) | |
| Schulden met een resterende looptijd van meer dan één jaar doch hoogstens 5 jaar | ||
| Financiële schulden | 8802 | |
| Achtergestelde leningen | 8812 | |
| Niet-achtergestelde obligatieleningen | 8822 | |
| Leasingschulden en soortgelijke schulden | 8832 | |
| Kredietinstellingen | 8842 | |
| Overige leningen | 8852 | |
| Handelsschulden | 8862 | |
| Leveranciers | 8872 | |
| Te betalen wissels | 8882 | |
| Vooruitbetalingen op bestellingen | 8892 | |
| Overige schulden | 8902 | |
| Totaal der schulden met een resterende looptijd van meer dan één jaar doch hoogstens 5 jaar | 8912 | |
| Schulden met een resterende looptijd van meer dan 5 jaar | ||
| Financiële schulden | 8803 | |
| Achtergestelde leningen | 8813 | |
| Niet-achtergestelde obligatieleningen | 8823 | |
| Leasingschulden en soortgelijke schulden | 8833 | |
| Kredietinstellingen | 8843 | |
| Overige leningen | 8853 | |
| Handelsschulden | 8863 | |
| Leveranciers | 8873 | |
| Te betalen wissels | 8883 | |
| Vooruitbetalingen op bestellingen | 8893 | |
| Overige schulden | 8903 | |
| Totaal der schulden met een resterende looptijd van meer dan 5 jaar | 8913 |
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| GEWAARBORGDE SCHULDEN (begrepen in de posten 17 en 42/48 van de passiva) |
||
| Door Belgische overheidsinstellingen gewaarborgde schulden | ||
| Financiële schulden | 8921 | |
| Achtergestelde leningen | 8931 | |
| Niet-achtergestelde obligatieleningen | 8941 | |
| Leasingschulden en soortgelijke schulden | 8951 | |
| Kredietinstellingen | 8961 | |
| Overige leningen | 8971 | |
| Handelsschulden | 8981 | |
| Leveranciers | 8991 | |
| Te betalen wissels | 9001 | |
| Vooruitbetalingen op bestellingen | 9011 | |
| Schulden met betrekking tot bezoldigingen en sociale lasten | 9021 | |
| Overige schulden | 9051 | |
| Totaal van de door Belgische overheidsinstellingen gewaarborgde schulden | 9061 | |
| Schulden gewaarborgd door zakelijke zekerheden gesteld of onherroepelijk beloofd op activa van de vennootschap |
||
| Financiële schulden | 8922 | |
| Achtergestelde leningen | 8932 | |
| Niet-achtergestelde obligatieleningen | 8942 | |
| Leasingschulden en soortgelijke schulden | 8952 | |
| Kredietinstellingen | 8962 | |
| Overige leningen | 8972 | |
| Handelsschulden | 8982 | |
| Leveranciers | 8992 | |
| Te betalen wissels | 9002 | |
| Vooruitbetalingen op bestellingen | 9012 | |
| Schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen en sociale lasten | 9022 | |
| Belastingen | 9032 | |
| Bezoldigingen en sociale lasten | 9042 | |
| Overige schulden | 9052 | |
| Totaal der schulden gewaarborgd door zakelijke zekerheden gesteld of onherroepelijk beloofd op activa van de vennootschap |
9062 |
Nr. 0888728945 Nyrstar VOL-kap 6.9
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| SCHULDEN MET BETREKKING TOT BELASTINGEN, BEZOLDIGINGEN EN SOCIALE LASTEN | ||
| Belastingen (post 450/3 en 178/9 van de passiva) |
||
| Vervallen belastingschulden | 9072 | |
| Niet-vervallen belastingschulden | 9073 | 14.471,89 |
| Geraamde belastingschulden | 450 | |
| Bezoldigingen en sociale lasten (post 454/9 en 178/9 van de passiva) |
||
| Vervallen schulden ten aanzien van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid | 9076 | |
| Andere schulden met betrekking tot bezoldigingen en sociale lasten | 9077 | 32.292,54 |
| Nr. | 0888728945 | Nyrstar | VOL-kap 6.9 |
|---|---|---|---|
| OVERLOPENDE REKENINGEN | Boekjaar | ||
| Uitsplitsing van de post 492/3 van de passiva indien daaronder een belangrijk bedrag voorkomt. | |||
| Toe te reken kosten | 16.181,26 |
BEDRIJFSRESULTATEN
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | |||
| Netto-omzet | |||
| Uitsplitsing per bedrijfscategorie | |||
| Uitsplitsing per geografische markt | |||
| Andere bedrijfsopbrengsten | |||
| Exploitatiesubsidies en vanwege de overheid ontvangen compenserende bedragen |
740 | ||
| BEDRIJFSKOSTEN | |||
| Werknemers waarvoor de vennootschap een DIMONA-verklaring heeft ingediend of die zijn ingeschreven in het algemeen personeelsregister |
|||
| Totaal aantal op de afsluitingsdatum | 9086 | ||
| Gemiddeld personeelsbestand berekend in voltijdse equivalenten | 9087 | ||
| Aantal daadwerkelijk gepresteerde uren | 9088 | ||
| Personeelskosten | |||
| Bezoldigingen en rechtstreekse sociale voordelen | 620 | ||
| Werkgeversbijdragen voor sociale verzekeringen | 621 | ||
| Werkgeverspremies voor bovenwettelijke verzekeringen | 622 | ||
| Andere personeelskosten | 623 | ||
| Ouderdoms- en overlevingspensioenen | 624 | ||
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | ||
|---|---|---|---|---|
| Voorzieningen voor pensioenen en soortgelijke verplichtingen | ||||
| Toevoegingen (bestedingen en terugnemingen) | (+)/(-) | 635 | ||
| Waardeverminderingen | ||||
| Op voorraden en bestellingen in uitvoering | ||||
| Geboekt | 9110 | |||
| Teruggenomen | 9111 | |||
| Op handelsvorderingen | ||||
| Geboekt | 9112 | |||
| Teruggenomen | 9113 | |||
| Voorzieningen voor risico's en kosten | ||||
| Toevoegingen | 9115 | 42.167,00 | ||
| Bestedingen en terugnemingen | 9116 | 34.322,08 | ||
| Andere bedrijfskosten | ||||
| Bedrijfsbelastingen en -taksen | 640 | 100,97 | 404,63 | |
| Andere | 641/8 | 868,00 | 868,88 | |
| Uitzendkrachten en ter beschikking van de vennootschap gestelde personen |
||||
| Totaal aantal op de afsluitingsdatum | 9096 | |||
| Gemiddeld aantal berekend in voltijdse equivalenten | 9097 | |||
| Aantal daadwerkelijk gepresteerde uren | 9098 | |||
| Kosten voor de vennootschap | 617 | |||
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|
| RECURRENTE FINANCIËLE OPBRENGSTEN | |||
| Andere financiële opbrengsten | |||
| Door de overheid toegekende subsidies, aangerekend op de resultatenrekening |
|||
| Kapitaalsubsidies | 9125 | ||
| Interestsubsidies | 9126 | ||
| Uitsplitsing van de overige financiële opbrengsten | |||
| Gerealiseerde wisselkoersverschillen | 754 | ||
| Andere | |||
| positieve wisselkoersverschillen | 12.206,62 | 6.329,30 | |
| RECURRENTE FINANCIËLE KOSTEN | |||
| Afschrijving van kosten bij uitgifte van leningen | 6501 | ||
| Geactiveerde interesten | 6502 | ||
| Waardeverminderingen op vlottende activa | |||
| Geboekt | 6510 | ||
| Teruggenomen | 6511 | ||
| Andere financiële kosten | |||
| Bedrag van het disconto ten laste van de vennootschap bij de verhandeling van vorderingen |
653 | ||
| Voorzieningen met financieel karakter | |||
| Toevoegingen | 6560 | ||
| Bestedingen en terugnemingen | 6561 | ||
| Uitsplitsing van de overige financiële kosten | |||
| Gerealiseerde wisselkoersverschillen | 654 | ||
| Resultaten uit de omrekening van vreemde voluta | 655 | ||
| Andere | |||
| Negatieve wisselkoersverschillen | 640,96 | 8.513,10 |
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|
| NIET-RECURRENTE OPBRENGSTEN | 76 | 716.397,13 | 1.110.492,72 |
| Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten | (76A) | 716.397,13 | 1.110.492,72 |
| Terugneming van afschrijvingen en van waardeverminderingen op immateriële en materiële vaste activa |
760 | ||
| Terugneming van voorzieningen voor uitzonderlijke bedrijfsrisico's en -kosten |
7620 | ||
| Meerwaarden bij de realisatie van immateriële en materiële vaste activa | 7630 | ||
| Andere niet-recurrente bedrijfsopbrengsten | 764/8 | 716.397,13 | 1.110.492,72 |
| Niet-recurrente financiële opbrensten | (76B) | ||
| Terugneming van waardeverminderingen op financiële vaste activa | 761 | ||
| Terugneming van voorzieningen voor uitzonderlijke financiële risico's en kosten |
7621 | ||
| Meerwaarden bij de realisatie van financiële vaste activa | 7631 | ||
| Andere niet-recurrente financiële opbrengsten | 769 | ||
| NIET-RECURRENTE KOSTEN | 66 | -1.779.200,00 | 8.500.900,00 |
| Niet-recurrente bedrijfskosten | (66A) | -1.779.200,00 | 8.500.900,00 |
| Niet-recurrente afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, op immateriële en materiële vaste activa |
660 | ||
| Voorzieningen voor uitzonderlijke bedrijfsrisico's en -kosten: toevoegingen (bestedingen) (+)/(-) |
6620 | -1.779.200,00 | 8.500.900,00 |
| Minderwaarden bij de realisatie van immateriële en materiële vaste activa | 6630 | ||
| Andere niet-recurrente bedrijfskosten | 664/7 | ||
| Als herstructureringskosten geactiveerde niet-recurrente bedrijfskosten (-) |
6690 | ||
| Niet-recurrente financiële kosten | (66B) | ||
| Waardeverminderingen op financiële vaste activa | 661 | ||
| Voorzieningen voor uitzonderlijke financiële risico's en kosten: toevoegingen (bestedingen) (+)/(-) |
6621 | ||
| Minderwaarden bij de realisatie van financiële vaste activa | 6631 | ||
| Andere niet-recurrente financiële kosten | 668 | ||
| Als herstructureringskosten geactiveerde niet-recurrente financiële (-) kosten |
6691 |
Boekjaar
Codes Boekjaar
9135 9134
9137 9136
9139 9138
9140
| BELASTINGEN OP HET RESULTAAT |
|---|
| Belastingen op het resultaat van het boekjaar |
| Verschuldigde of betaalde belastingen en voorheffingen |
| Geactiveerde overschotten van betaalde belastingen en voorheffingen |
| Geraamde belastingsupplementen |
| Belastingen op het resultaat van vorige boekjaren |
| Verschuldigde of betaalde belastingsupplementen |
| Geraamde belastingsupplementen of belastingen waarvoor een voorziening werd gevormd |
Belangrijkste oorzaken van de verschillen tussen de winst vóór belastingen, zoals die blijkt uit de jaarrekening, en de geraamde belastbare winst
Invloed van de niet-recurrente resultaten op de belastingen op het resultaat van het boekjaar
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| Bronnen van belastinglatenties | ||
| Actieve latenties | 9141 | 327.902.815,61 |
| Gecumuleerde fiscale verliezen die aftrekbaar zijn van latere belastbare winsten | 9142 | 222.860.556,35 |
| Andere actieve latenties | ||
| DBI aftrek | 105.042.259,26 | |
| Passieve latenties | 9144 | |
| Uitsplitsing van de passieve latenties |
In rekening gebrachte belasting op de toegevoegde waarde
Aan de vennootschap (aftrekbaar)
Door de vennootschap
Ingehouden bedragen ten laste van derden bij wijze van
Bedrijfsvoorheffing
Roerende voorheffing
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar |
|---|---|---|
| 9145 | 768.563,01 | 761.783,03 |
| 9146 | 204.080,57 | 251.456,07 |
| 9147 | ||
| 9148 | ||
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| DOOR DE VENNOOTSCHAP GESTELDE OF ONHERROEPELIJK BELOOFDE PERSOONLIJKE ZEKERHEDEN ALS WAARBORG VOOR SCHULDEN OF VERPLICHTINGEN VAN DERDEN |
9149 | |
| Waarvan | ||
| Door de vennootschap geëndosseerde handelseffecten in omloop | 9150 | |
| Door de vennootschap getrokken of voor aval getekende handelseffecten | 9151 | |
| Maximumbedrag ten belope waarvan andere verplichtingen van derden door de vennootschap zijn gewaarborgd |
9153 | |
| ZAKELIJKE ZEKERHEDEN | ||
| Zakelijke zekerheden die door de vennootschap op haar eigen activa werden gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden en verplichtingen van de vennootschap Hypotheken |
||
| Boekwaarde van de bezwaarde activa | 91611 | |
| Bedrag van de inschrijving | 91621 | |
| Voor de onherroepelijke mandaten tot hypothekeren, het bedrag waarvoor de volmachthebber krachtens het mandaat inschrijving mag nemen |
91631 | |
| Pand op het handelsfonds | ||
| Maximumbedrag waarvoor de schuld is gewaarborgd en waarvoor registratie plaatsvindt | 91711 | |
| Voor de onherroepelijke mandaten tot verpanding van het handelsfonds, het bedrag waarvoor de volmachthebber krachtens het mandaat tot registratie mag overgaan |
91721 | |
| Pand op andere activa of onherroepelijke mandaten tot verpanding van andere activa | ||
| Boekwaarde van de bezwaarde activa | 91811 | |
| Maximumbedrag waarvoor de schuld is gewaarborgd | 91821 | |
| Gestelde of onherroepelijk beloofde zekerheden op de nog door de vennootschap te verwerven activa |
||
| Bedrag van de betrokken activa | 91911 | |
| Maximumbedrag waarvoor de schuld is gewaarborgd | 91921 | |
| Voorrecht van de verkoper | ||
| Boekwaarde van het verkochte goed | 92011 | |
| Bedrag van de niet-betaalde prijs | 92021 |
| Nr. | 0888728945 | Nyrstar | VOL-kap 6.14 | |
|---|---|---|---|---|
| Codes | Boekjaar | |||
| Hypotheken | Zakelijke zekerheden die door de vennootschap op haar eigen activa werden gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden en verplichtingen van derden |
|||
| Boekwaarde van de bezwaarde activa | 91612 | |||
| Bedrag van de inschrijving | 91622 | |||
| Voor de onherroepelijke mandaten tot hypothekeren, het bedrag waarvoor de volmachthebber krachtens het mandaat inschrijving mag nemen |
91632 | |||
| Pand op het handelsfonds | ||||
| Maximumbedrag waarvoor de schuld is gewaarborgd en waarvoor registratie plaatsvindt | 91712 | |||
| Voor de onherroepelijke mandaten tot verpanding van het handelsfonds, het bedrag waarvoor de volmachthebber krachtens het mandaat tot registratie mag overgaan |
91722 | |||
| Pand op andere activa of onherroepelijke mandaten tot verpanding van andere activa | ||||
| Boekwaarde van de bezwaarde activa | 91812 | |||
| Maximumbedrag waarvoor de schuld is gewaarborgd | 91822 | |||
| verwerven activa | Gestelde of onherroepelijk beloofde zekerheden op de nog door de vennootschap te | |||
| Bedrag van de betrokken activa | 91912 | |||
| Maximumbedrag waarvoor de schuld is gewaarborgd | 91922 | |||
| Voorrecht van de verkoper | ||||
| Boekwaarde van het verkochte goed | 92012 | |||
| Bedrag van de niet-betaalde prijs | 92022 |
Gekochte (te ontvangen) goederen Verkochte (te leveren) goederen 9214 Gekochte (te ontvangen) deviezen 9215 Verkochte (te leveren) deviezen 9216
VERPLICHTINGEN VOORTVLOEIEND UIT DE TECHNISCHE WAARBORGEN VERBONDEN AAN REEDS GEPRESTEERDE VERKOPEN OF DIENSTEN

Boekjaar
| Nr. | 0888728945 | Nyrstar | VOL-kap 6.14 | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Boekjaar | |||||
| BEDRAG, AARD EN VORM VAN BELANGRIJKE HANGENDE GESCHILLEN EN ANDERE BELANGRIJKE VERPLICHTINGEN |
|||||
| REGELING INZAKE HET AANVULLEND RUST- OF OVERLEVINGSPENSIOEN TEN BEHOEVE VAN DE PERSONEELS- OF DIRECTIELEDEN |
Beknopte beschrijving
Genomen maatregelen om de daaruit voortvloeiende kosten te dekken
PENSIOENEN DIE DOOR DE VENNOOTSCHAP ZELF WORDEN GEDRAGEN Geschat bedrag van de verplichtingen die voortvloeien uit reeds gepresteerd werk 9220
Basis en wijze waarop dit bedrag wordt berekend
AARD EN FINANCIËLE GEVOLGEN VAN MATERIËLE GEBEURTENISSEN DIE ZICH NA BALANSDATUM HEBBEN VOORGEDAAN en die niet in de resultatenrekening of balans worden weergegeven
Toegelicht in VOL 6.20
| Code | Boekjaar |
|---|---|

| Nr. | 0888728945 | Nyrstar | VOL-kap 6.14 |
|---|---|---|---|
| Boekjaar | |||
| AAN- OF VERKOOPVERBINTENISSEN DIE DE VENNOOTSCHAP ALS OPTIESCHRIJVER VAN CALL- EN PUTOPTIES HEEFT De onderneming heeft een put-optie betreffende de investering van de resterende participatie van 2% in NN2 met de overeengekomen prijs van EUR 20. miljoen. Deze kan uitgeoefend worden van 1 februari 2020 tot 31 juli 2022. |
20.000.000,00 | ||
| Boekjaar | |||
| AARD, ZAKELIJK DOEL EN FINANCIËLE GEVOLGEN VAN BUITENBALANS REGELINGEN | |||
| Mits de risico's of voordelen die uit dergelijke regelingen voortvloeien van enige betekenis zijn en voor zover de openbaarmaking van dergelijke risico's of voordelen noodzakelijk is voor de beoordeling van de financiële positie van de vennootschap We verwijzen hierbij naar de put-optie die hierboven en in VOL 6.20 wordt uiteengezet. |
|||
| Boekjaar | |||
| ANDERE NIET IN DE BALANS OPGENOMEN RECHTEN EN VERPLICHTINGEN (met inbegrip van deze die niet kunnen worden becijferd) |
|||
| Garanties van de moedermaatschappij. | |||
| in het kader van de Trade Finance Framework Agre Trafigura. De Trafigura PCG's en alle andere zekerheden en/of verplichtingen aan derden met betrekking tot verplichtingen die eerder door de onderneming waren Trafigura groep (zie "Informatie over verbonden partijen"). |
Tot en met 31 juli 2019 was de vennootschap de uiteindelijke moedermaatschappij van de Nyrstar groep. Bijkomend, tot en met 31 juli 2019 verleende de vennootschap de garanties ten belope van 650 miljoen USD Agreement en ten belope van 250 miljoen USD in het kader van de Bridge Finance Facility aan de toenmalige indirecte dochteronderneming van de vennootschap. Nyrstar Sales & Marketing AG, aan garanties die door de Operationele Groep aan Trafigura zijn verstrekt met betrekking tot de TFFA en BFFA, zijn op de effectieve datum van de herstructurering volledig vrijgegeven. Naast de vrijgave van de Trafigura PCG's profiteert de Vennootschap van overeenkomsten NN2 en trafigura met betrekking tot de vrijgave of vrijwaring van haar verplichtingen voor bestaande financiële schulden en financiële, commerciële of andere verplichtingen van de toenmalige huidige leden van de Operating Group (de PCG's). Per 31 december 2021 is de onderneming volledig vrijgesteld van alle voorwaardelijke voorzien of onherroepelijk waren toegezegd voor schulden en verplichtingen van derden die nog aan de moesten worden overgedragen (2020: EUR 12,0 miljoen) waarvoor de vennootschap schadeloos is gesteld |
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|
| VERBONDEN ONDERNEMINGEN | |||
| Financiële vaste activa | |||
| Deelnemingen | (280) | ||
| Achtergestelde vorderingen | 9271 | ||
| Andere vorderingen | 9281 | ||
| Vorderingen | |||
| Op meer dan één jaar | 9301 | ||
| Op hoogstens één jaar | 9311 | ||
| Geldbeleggingen | 9321 | ||
| Aandelen | 9331 | ||
| Vorderingen | 9341 | ||
| Schulden | 9351 | ||
| Op meer dan één jaar | 9361 | ||
| Op hoogstens één jaar | 9371 | ||
| Persoonlijke en zakelijke zekerheden | |||
| Door de vennootschap gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden of verplichtingen van verbonden ondernemingen |
9381 | ||
| Door verbonden ondernemingen gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden of verplichtingen van de vennootschap |
9391 | ||
| Andere betekenisvolle financiële verplichtingen | 9401 | ||
| Financiële resultaten | |||
| Opbrengsten uit financiële vaste activa | 9421 | ||
| Opbrengsten uit vlottende activa | 9431 | ||
| Andere financiële opbrengsten | 9441 | ||
| Kosten van schulden | 9461 | ||
| Andere financiële kosten | 9471 | ||
| Realisatie van vaste activa | |||
| Verwezenlijkte meerwaarden | 9481 | ||
| Verwezenlijkte minderwaarden | 9491 | ||
| Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|
| GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN | |||
| Financiële vaste activa | |||
| Deelnemingen | 9263 | ||
| Achtergestelde vorderingen | 9273 | ||
| Andere vorderingen | 9283 | ||
| Vorderingen | 9293 | ||
| Op meer dan één jaar | 9303 | ||
| Op hoogstens één jaar | 9313 | ||
| Schulden | 9353 | ||
| Op meer dan één jaar | 9363 | ||
| Op hoogstens één jaar | 9373 | ||
| Persoonlijke en zakelijke zekerheden | |||
| Door de vennootschap gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden of verplichtingen van geassocieerde ondernemingen |
9383 | ||
| Door geassocieerde ondernemingen gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden of verplichtingen van de vennootschap |
9393 | ||
| Andere betekenisvolle financiële verplichtingen | |||
| ANDERE ONDERNEMINGEN WAARMEE EEN DEELNEMINGSVERHOUDING BESTAAT |
|||
| Financiële vaste activa | 9252 | ||
| Deelnemingen | 9262 | ||
| Achtergestelde vorderingen | 9272 | ||
| Andere vorderingen | 9282 | ||
| Vorderingen | |||
| Op meer dan één jaar | 9302 | ||
| Op hoogstens één jaar | 9312 | ||
| Schulden | |||
| Op meer dan één jaar | 9362 | ||
| Op hoogstens één jaar | 9372 | ||
Boekjaar
TRANSACTIES MET VERBONDEN PARTIJEN BUITEN NORMALE MARKTVOORWAARDEN
Nyrstar
Vermelding van dergelijke transacties indien zij van enige betekenis zijn, met opgave van het bedrag van deze transacties, de aard van de betrekking met de verbonden partij, alsmede andere informatie over de transacties die nodig is voor het verkrijgen van inzicht in de financiële positie van de vennootschap
De relatie met Trafigura wordt verder toegelicht in Vol 6.20.
Nyrstar
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| BESTUURDERS EN ZAAKVOERDERS, NATUURLIJKE OF RECHTSPERSONEN DIE DE VENNOOTSCHAP RECHTSTREEKS OF ONRECHTSTREEKS CONTROLEREN ZONDER VERBONDEN ONDERNEMINGEN TE ZIJN, OF ANDERE ONDERNEMINGEN DIE DOOR DEZE PERSONEN RECHTSTREEKS OF ONRECHTSTREEKS GECONTROLEERD WORDEN |
||
| Uitstaande vorderingen op deze personen | 9500 | |
| Voornaamste voorwaarden betreffende de vorderingen, interestvoet, looptijd, eventueel afgeloste of afgeschreven bedragen of bedragen waarvan werd afgezien |
||
| Waarborgen toegestaan in hun voordeel | 9501 | |
| Andere betekenisvolle verplichtingen aangegaan in hun voordeel | 9502 | |
| Rechtstreekse en onrechtstreekse bezoldigingen en ten laste van de resultatenrekening toegekende pensioenen, voor zover deze vermelding niet uitsluitend of hoofdzakelijk betrekking heeft op de toestand van een enkel identificeerbaar persoon |
||
| Aan bestuurders en zaakvoerders | 9503 | 484.535,87 |
| Aan oud-bestuurders en oud-zaakvoerders | 9504 | |
| Codes | Boekjaar | |
|---|---|---|
| DE COMMISSARIS(SEN) EN DE PERSONEN MET WIE HIJ (ZIJ) VERBONDEN IS (ZIJN) | ||
| Bezoldiging van de commissaris(sen) | 9505 | 126.000,00 |
| Bezoldiging voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd binnen de vennootschap door de commissaris(sen) |
||
| Andere controleopdrachten | 95061 | |
| Belastingadviesopdrachten | 95062 | |
| Andere opdrachten buiten de revisorale opdrachten | 95063 | |
| Bezoldiging voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd binnen de vennootschap door personen met wie de commissaris(sen) verbonden is (zijn) |
||
| Andere controleopdrachten | 95081 | |
| Belastingadviesopdrachten | 95082 | |
| Andere opdrachten buiten de revisorale opdrachten | 95083 | |
Vermeldingen in toepassing van artikel 3:64, §2 en §4 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen
De vennootschap heeft een geconsolideerde jaarrekening en een geconsolideerd jaarverslag opgesteld en openbaar gemaakt*
De vennootschap heeft geen geconsolideerde jaarrekening en geconsolideerd jaarverslag opgesteld, omdat zij daarvan vrijgesteld is om de volgende reden(en)*
De vennootschap en haar dochtervennootschappen overschrijden op geconsolideerde basis niet meer dan één van de in artikel 1:26 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen vermelde criteria*
De venootschap heeft alleen maar dochtervennootschappen die, gelet op de beoordeling van het geconsolideerd vermogen, de geconsolideerde financiële positie of het geconsolideerd resultaat, individueel en tezamen, slechts van te verwaarlozen betekenis zijn* (artikel 3:23 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen)
De vennootschap is zelf dochtervennootschap van een moedervennootschap die een geconsolideerde jaarrekening, waarin haar jaarrekening door consolidatie opgenomen is, opstelt en openbaar maakt*
Naam, volledig adres van de zetel en, zo het een vennootschap naar Belgisch recht betreft, het ondernemingsnummer van de moedervennootschap(pen) en de aanduiding of deze moedervennootschap(pen) een geconsolideerde jaarrekening, waarin haar jaarrekening door consolidatie opgenomen is, opstelt (opstellen) en openbaar maakt (maken)**:
Indien de moedervennootschap(pen) (een) vennootschap(pen) naar buitenlands recht is (zijn), de plaats waar de hiervoor bedoelde geconsolideerde jaarrekening verkrijgbaar is**
* Schrappen wat niet van toepassing is.
** Wordt de jaarrekening van de vennootschap op verschillende niveaus geconsolideerd, dan worden deze gegevens verstrekt, enerzijds voor het grootste geheel en anderzijds voor het kleinste geheel van vennootschappen waarvan de vennootschap als dochter deel uitmaakt en waarvoor een geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld en openbaar gemaakt.
Waarderingsregels Nyrstar NV (hierna "de Vennootschap")
Algemeen:
De waarderingsregels zijn opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van het Koninklijk Besluit d.d. 29 april 2019 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen betreffende de waarderingsregels. Als gevolg van de Herstructurering (zoals gedefinieerd hieronder) en de resultaten van de Buitengewone Algemene Vergadering ("BAV") van 9 december 2019, waar de aandeelhoudersvergadering de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap verwierp, zijn de financiële overzichten van de Vennootschap per 31 december 2021 opgesteld op basis van discontinuïteit. Voor meer informatie omtrent de gevolgen van de Herstructurering, gelieve te verwijzen naar "Informatie over verbonden partijen".
Waarderingsregels toegepast op de balans van de Vennootschap opgesteld op basis van discontinuïteit omvatten:
De deelnemingen worden geboekt aan het laagste van de realisatiewaarde en de historische aanschaffingswaarde.
Vlottende activa, die de opgelopen BTW omvatten op lopende uitgaven waarvoor de vennootschap terugbetaling heeft ontvangen of verwacht te ontvangen van de bevoegde autoriteiten, en vlottende schulden worden gewaardeerd aan hun realisatiewaarde. Op 31 december 2021 zijn de realisatiewaarden gelijk aan de nominale waarden. Vlottende activa en schulden die uitgedrukt zijn in vreemde valuta, worden omgerekend aan de slotkoersen die gelden op afsluitdatum van de balans. De negatieve (niet-gerealiseerde) omrekeningsverschillen worden in de resultatenrekening opgenomen. Op basis van het voorzichtigheidsprincipe worden de positieve, niet-gerealiseerde omrekeningsverschillen op balansdatum als over te dragen opbrengsten geboekt.
Voorzieningen worden opgenomen om verliezen en kosten te dekken die voortvloeien uit een gebeurtenis uit het verleden waarvan de aard duidelijk vaststaat en die op de balansdatum waarschijnlijk of zeker worden geacht, doch waarvan het bedrag niet vaststaat. De voorzieningen die betrekking hebben op voorgaande boekjaren worden regelmatig herzien en tegengeboekt wanneer ze geen voorwerp meer hebben of wanneer de risico's of kosten gerealiseerd zijn.
Er wordt rekening gehouden met alle kosten en opbrengsten die betrekking hebben op het boekjaar ongeacht de dag waarop deze kosten en opbrengsten worden betaald of geïnd.
Aanpassingen die werden geboekt met betrekking tot de waardering en de classificatie van bepaalde balansposten als gevolg van het opstellen van de financiële overzichten van 31 december 2021 op basis van discontinuïteit:
a)De oprichtingskosten werden volledig afgeschreven zoals vereist door artikel 3:6 van het Koninklijk Besluit d.d. 29 april 2019 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
b)Toelichting bij de bepaling van de verwachte, vermoedelijke realisatiewaarde overeenkomstig artikel 3:6 van het Koninklijk Besluit d.d. 29 april 2019 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
Op 31 december 2021 heeft de Vennootschap, in haar geldbeleggingen, een 2%-aandelenbelang in NN2 NewCo Limited ("NN2") voor EUR 15.395.000, wat de kostprijs van deze investering voor de Vennootschap vertegenwoordigt, ten gevolge van de uitgifte door NN2 van een 2%-aandelenbelang in NN2 aan de Vennootschap, waarbij het resterende 98%-belang werd uitgegeven aan Nyrstar Holdings Plc (een holdingvennootschap binnen de Trafigura vennootschapsgroep, vroeger bekend onder de naam Nyrstar Holdings Limited). De investering in NN2 per 31 december 2021 van EUR 15.395.000 is gewaardeerd tegen de laagste waarde van de kostprijs en de vermoedelijke realisatiewaarde, rekening houdend met het feit dat de Vennootschap een Putoptie (zoals hieronder gedefinieerd) heeft waardoor ze het geheel (maar niet slechts een deel) van haar 2%-belang in NN2 kan verkopen aan een Trafigura entiteit tegen een totale prijs gelijk aan EUR 20 miljoen te betalen aan de Vennootschap, waardoor er geen bijzondere waardevermindering nodig is op 31 december 2021 (In dit verband wordt verwezen naar de informatie over verbonden partijen met betrekking tot de verplichte vervroegde aflossing en bepalingen inzake beperkt verhaal onder de Lening met Beperkt Regresrecht (Limited Recourse Loan Facility) die van toepassing zal zijn op de opbrengsten van de Putoptie (zie [1.5.4. en 1.5.5] hieronder). Deze Putoptie kan door de Vennootschap worden uitgeoefend tot 31 juli 2022, onder voorbehoud van beperkte triggers die een vroegere beëindiging van de Put Optie vóór 31 juli 2022 mogelijk maken (zie Informatie over Verbonden Partijen - 1.2 hieronder).
NN1 NewCo Limited ("NN1"), waarin de Vennootschap een 100% deelneming had ter waarde van USD 1, werd vrijwillig geschrapt uit het Register van Vennootschappen in het Verenigd Koninkrijk en ontbonden in de loop van het jaar eindigend op 31 december 2020.
c)De beslissing van de BAV van 9 december 2019 om de activiteiten van de Vennootschap niet voort te zetten, heeft geleid tot de verplichting voor de Vennootschap om een voorziening voor stopzetting te boeken die de geschatte kosten vertegenwoordigt die de Vennootschap verwacht te maken vóór de voltooiing van de vereffening. Op 31 december 2021 heeft de Vennootschap een voorziening voor stopzetting geboekt van EUR 9,0 miljoen (2020: EUR 10,8 miljoen) die de geschatte kosten vertegenwoordigt die de Vennootschap verwacht te maken voor de voltooiing van een vereffening die naar verwachting voor het einde van Q2 2028 (2020: voor het einde van 2027) zou worden afgerond.
Bij het bepalen van het bedrag van de voorziening per 31 december 2021 is rekening gehouden met de volgende juridische en regelgevende maatregelen. De BAV van 9 december 2019 en de beschikking van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank van Antwerpen (afdeling Antwerpen) van 26 juni 2020
Zoals hierboven beschreven, werd op 9 december 2019 de BAV gehouden om te beraadslagen over de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap en een voorgestelde kapitaalvermindering. De aandeelhoudersvergadering verwierp de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap. De aandeelhoudersvergadering verwierp ook de voorgestelde kapitaalvermindering, waardoor deze niet werd uitgevoerd. De Raad van Bestuur van de Vennootschap had de nodige maatregelen genomen om de nodige verslagen op te stellen met haar commissaris en had een nieuwe BAV bijeengeroepen om een voorstel tot vereffening formeel te overwegen. Die BAV zou eerst gehouden worden op 25 maart 2020, maar moest uitgesteld worden wegens de Covid-19 uitbraak en de overeenkomstige beperkingen die in Europa waren ingevoerd. De Vennootschap riep die BAV op 30 april 2020 opnieuw bijeen voor 2 juni 2020 en, als het vereiste aanwezigheidsquorum niet gehaald zou worden, voor 30 juni 2020.
Bepaalde aandeelhouders hebben een kortgeding aangespannen voor de rechtbank van Antwerpen om de rechtbank te verzoeken te bevelen dat de beslissing over de ontbinding van de Vennootschap, na de BAV van 9 december 2019, wordt uitgesteld (i) tot drie maanden nadat een eindverslag is uitgebracht door een college van deskundigen waarvan de benoeming is gevraagd in een afzonderlijke procedure voor de rechtbank, of, als alternatief (ii) tot drie maanden nadat een eindbeslissing is genomen in de voormelde procedure over de benoeming van een college van deskundigen. Op 26 juni 2020 heeft de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank van Antwerpen (afdeling Antwerpen) de vordering van de minderheidsaandeelhouders voor het uitstel tot drie maanden nadat een eindverslag is uitgebracht door een college van deskundigen waarvan de benoeming wordt gevraagd, afgewezen. De Ondernemingsrechtbank heeft hun vordering tot uitstel van de beslissing tot ontbinding van de Vennootschap tot drie maanden nadat er een in kracht van gewijsde gegane beslissing (d.w.z. een beslissing die "res judicata effect" heeft) is over de aanstelling van een college van deskundigen, wel toegewezen. Bijgevolg is de voor 30 juni 2020 geplande (tweede) BAV met als agendapunten de besluiten over het voorstel tot ontbinding van de Vennootschap uitgesteld, in overeenstemming met de beschikking van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank van Antwerpen (afdeling Antwerpen) van 26 juni 2020.
De uitgestelde beslissing over het voorstel tot ontbinding van de Vennootschap en de benoeming van een vereffenaar kan een negatief effect hebben op de liquiditeitspositie van de Vennootschap, aangezien de Vennootschap lopende kosten en kosten in verband met de boven- en onder vermelde juridische procedures blijft maken. Als de benoeming van de vereffenaar verder dan zoals momenteel verwacht wordt uitgesteld of niet wordt goedgekeurd door de aandeelhoudersvergadering of indien de kosten hoger uitvallen dan momenteel wordt verwacht en er geen uitkeringen met betrekking tot de deelneming van de Vennootschap plaatsvinden, kan de Vennootschap zich genoodzaakt zien aanvullende financiering te verwerven. Het risico bestaat dat dergelijke aanvullende financiering niet beschikbaar is voor de Vennootschap of dat ze niet beschikbaar is tegen aanvaardbare voorwaarden. De Vennootschap kan in dat geval ook overwegen om de Putoptie met betrekking tot haar 2%-belang in NN2 uit te oefenen. In dit verband wordt verwezen naar de toelichtingen met betrekking tot verbonden partijen hieronder met betrekking tot de verplichte vervroegde aflossing onder de Limited Recourse Loan Facility die van toepassing zal zijn op de opbrengsten van de Putoptie.
Kortgedingprocedure m.b.t. de aanstelling van een college van deskundigen
Op 27 april 2020 heeft een groep aandeelhouders de Vennootschap gedagvaard in een kortgedingprocedure voor de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen). De vordering van de eisers strekte ertoe een college van deskundigen te laten aanstellen overeenkomstig artikel 7:160 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Deze procedure werd ingeleid op 5 mei 2020. De pleitzitting vond plaats op 15 september 2020.
Op 30 oktober 2020 heeft de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) een beschikking geveld waarin zij de vordering van de aandeelhouders gegrond heeft verklaard. De beschikking omvat, maar is niet beperkt tot, de volgende elementen:
*Er wordt een college van drie deskundigen aangesteld om te onderzoeken:
i. of de transacties tussen de voormalige Nyrstar Groep en de Trafigura Groep op en na 9 november 2015 gesloten zijn conform het "at arm's length" principe en op de normale commerciële voorwaarden en, zo niet, te begroten welke rechtstreekse en onrechtstreekse schade de Vennootschap heeft geleden door schendingen van dit principe;
ii. of de voorwaarden voor de overdracht van alle rechten uit de overeenkomsten tussen Talvivaara Mining Company-groep en Nyrstar, door Nyrstar aan Terrafame, Winttal Oy Ltd. en vervolgens aan Terrafame Mining, marktconform waren en, zo niet, te begroten welke rechtstreekse en onrechtstreekse schade de Vennootschap heeft geleden door deze overdracht; en
iii. welke de oorzaken waren van de liquiditeitscrisis, alsook of het noodzakelijk was om de bindende term sheet, de TFFA en de Lock-up overeenkomst te sluiten, evenals te adviseren of de voorwaarden van voormelde overeenkomsten marktconform waren en, zo niet, de schade te begroten die Nyrstar heeft geleden voor het aangaan van deze overeenkomsten.
*De Vennootschap werd veroordeeld om de kosten van het college van deskundigen voor te schieten.
De Vennootschap heeft de beschikking samen met haar juridische adviseurs onderzocht en besloten hoger beroep bij het Hof van Beroep te Antwerpen in te stellen. De Vennootschap heeft op 15 december 2020 een verzoekschrift tot instelling van hoger beroep neergelegd. Op 3 maart 2021 hebben de oorspronkelijke eisende aandeelhouders Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. gedagvaard in gedwongen tussenkomst in deze beroepsprocedure. Zij vragen met name dat het arrest dat het hof van beroep zou vellen aan Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. tegenstelbaar en gemeen wordt verklaard. Zowel het beroep van de Vennootschap als de gedwongen tussenkomst van Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. werden gehoord op de zitting van 3 juni 2021. Op 2 september 2021 heeft het hof de heropening van de debatten bevolen om partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over (i) de derdenverzetbeschikking van 2 juli 2021 (infra), (ii) het memorandum en de bewijsstukken die de oorspronkelijke eisende aandeelhouders op 2 augustus 2021 hebben neergelegd ter uitvoering van voornoemde beschikking van derdenverzet, (iii) de beschikking van de voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) van 29 juni 2021 waarbij, overeenkomstig art. 973 Ger. W., een aantal incidenten in verband met het deskundigenonderzoek worden geregeld, (iv) de stukken betreffende de algemene vergadering van de Vennootschap van 29 juni 2021, en (v) het verzoek tot vrijwillige tussenkomst in het derdenverzet van 22 andere aandeelhouders van de Vennootschap. De nieuwe zitting bij de rechtbank was gepland voor 17 februari 2022, maar werd later uitgesteld tot 6 oktober 2022. Intussen zijn op 29 oktober 2021 ook de voornoemde 22 andere aandeelhouders van de Vennootschap (die zijn tussengekomen in het derdenverzet: infra) vrijwillig tussengekomen in de procedure in hoger beroep tegen de beschikking van 30 oktober 2020.
Op 4 februari 2021 hebben Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. derdenverzet ingesteld tegen de voormelde beschikking van 30 oktober 2020. De Vennootschap en de oorspronkelijke eisende aandeelhouders werden ook betrokken in deze procedure. In het kader van dit derdenverzet vragen Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. dat de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) haar beschikking van 30 oktober 2020 met onmiddellijke ingang intrekt en het deskundigenonderzoek beëindigt, en dit ook ten aanzien van de Vennootschap en de oorspronkelijke eisers. Het derdenverzet werd ingeleid op 26 maart 2021 en werd voor een eerste maal behandeld op de zitting van 15 juni 2021. In antwoord werd op 2 juli 2021 een tussenvonnis gewezen. In dit tussenvonnis heeft de voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) de oorspronkelijke eisende aandeelhouders gelast een volledig overzicht van hun respectieve transacties in de aandelen van de Vennootschap aan de rechtbank over te leggen. Voorts heeft de voorzitter het deskundigenonderzoek geschorst totdat na de op 28 september 2021 geplande zitting uitspraak is gedaan over de nieuwe overgelegde bewijzen. Het doel van de schorsing van het deskundigenonderzoek is om de eisende aandeelhouders de tijd geven om bewijsstukken over te leggen van hun deelnemingen en transacties in de Vennootschap en om de partijen, waaronder de Vennootschap, de gelegenheid te bieden om de juridische gevolgen van het nieuwe bewijsmateriaal te bespreken, waarna de rechtbank een beslissing zal nemen. Zoals vermeld, vond op 28 september 2021 een tweede hoorzitting over dit onderwerp plaats. Op 19 augustus 2021 hebben 22 andere aandeelhouders van Nyrstar een verzoek ingediend om vrijwillig tussen te komen in deze derdenverzetprocedure. Op 9 november 2021 heeft de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) een tweede vonnis gewezen in dit derdenverzet. In deze beslissing verklaarde de Voorzitter het derdenverzet van Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. gegrond en vernietigde de Voorzitter het vorige vonnis van 30 oktober 2020 ten aanzien van Trafigura PTE Ltd., Trafigura Group PTE Ltd., de Vennootschap en de oorspronkelijke eisende aandeelhouders, waardoor de aanstelling van de deskundigen werd ingetrokken en het deskundigenonderzoek werd stopgezet. De Voorzitter heeft beslist dat de kosten van het deskundigenonderzoek tot op heden zullen worden gedragen door de partij die deze kosten tot op heden overeenkomstig voormeld vonnis heeft gedragen, te weten de Vennootschap. Op 23 december 2021 hebben de oorspronkelijke eisende aandeelhouders en de nieuwe tussenkomende aandeelhouders hoger beroep ingesteld tegen de voormelde vonnissen van 2 juli en 9 november 2021. Dit hoger beroep zal worden behandeld door het Hof van Beroep te Antwerpen. Het is op 3 februari 2022 ingeleid en zal op 6 oktober 2022 worden behandeld.
Op 9 februari 2021 hebben Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. een verzoek tot schorsing van de beschikking van 30 oktober 2020 ingediend bij de Beslagrechter van de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen (afdeling Antwerpen). De Vennootschap en de oorspronkelijke eisende aandeelhouders werden ook in deze procedure betrokken. Trafigura PTE Ltd. en Trafigura Group PTE Ltd. vragen met name dat de tenuitvoerlegging van de voormelde beschikking onmiddellijk wordt geschorst, en dit tot aan een definitieve uitspraak in de zonet aangehaalde procedure op derdenverzet. Het schorsingsverzoek werd ingeleid op 1 april 2021 en werd behandeld op de zitting van 24 juni 2021. Bij vonnis van 15 juli 2021 heeft de Beslagrechter geoordeeld dat een heropening van de debatten noodzakelijk is in het licht van het voormelde arrest van de voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) van 2 juli 2021 (in de derdenverzetprocedure). Bijgevolg werd het schorsingsverzoek opnieuw behandeld op de zitting van 28 oktober 2021, waar het opnieuw werd verdaagd tot de zitting van 2 december 2021. Op die zitting van 2 december 2021 werd de zaak vervolgens naar de rol verwezen voor onbepaalde termijn, gelet op de voormelde tussengekomen beschikking op derdenverzet van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) van 9 november 2021.
Bodemprocedure tegen (onder andere) de Vennootschap en haar bestuurders
Op vrijdag 29 mei 2020 heeft een groep aandeelhouders van de Vennootschap onder meer de Vennootschap en haar bestuurders gedagvaard voor de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Turnhout). Deze dagvaarding volgde op een ingebrekestelling die de bestuurders en bepaalde kaderleden van de Vennootschap op 17 maart 2020 hebben ontvangen.
Op maandag 9 november 2020 bracht deze groep aandeelhouders een verbeterende dagvaarding uit lastens (onder andere) de Vennootschap en haar bestuurders, die de dagvaarding van 29 mei 2020 op bepaalde punten wijzigde.
In deze procedure ten gronde brengen de eisende aandeelhouders de volgende vorderingen:
een minderheidsvordering voor rekening van de Vennootschap tegen (onder meer) de huidige bestuurders van de Vennootschap voor beweerde tekortkomingen in hun bestuur en inbreuken op het Wetboek van Vennootschappen en de statuten van de Vennootschap. Deze minderheidsvordering is een afgeleide vordering, waarbij de eventuele opbrengst aan de Vennootschap toekomt (en niet aan de verzoekende aandeelhouders). De eisers vragen met name dat de gedaagden hoofdelijk worden veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding aan de Vennootschap. Die schadevergoeding wordt in de (verbeterende) dagvaarding op minstens EUR 1,2 miljard begroot;
een rechtstreekse aansprakelijkheidsvordering tegen onder andere de huidige bestuurders van de Vennootschap voor fouten waardoor eisers (naar verluidt) individuele schade hebben geleden. Op basis hiervan eisen de eisers een persoonlijke schadevergoeding die voorlopig wordt geraamd op EUR 1;
een vordering tegen de Vennootschap tot terugbetaling van de kosten die de eisers hebben gemaakt en die niet door de andere gedaagden zouden worden vergoed.
Deze procedure werd ingeleid op 18 november 2020; zij werd echter op de inleidingszitting (op verzoek van eisers) naar de rol verzonden in afwachting van het verslag van het college van deskundigen aangesteld bij beschikking van 30 oktober 2020 van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) (supra onder "Kortgedingprocedure m.b.t. de aanstelling van een college van deskundigen"). Er is bijgevolg nog geen conclusiekalender of pleitzitting bepaald.
De Vennootschap en haar Raad van Bestuur betwisten de aanspraken in de dagvaardingen formeel en merken op dat zij zich in het kader van deze procedure stellig zullen verdedigen tegen de vorderingen.
De Vennootschap vernam tevens dat dezelfde groep verzoekende aandeelhouders gelijkaardige aansprakelijkheidsvorderingen heeft ingesteld tegen bepaalde voormalige bestuurders van de Vennootschap en tegen bepaalde vennootschappen behorende tot de Trafigura-groep. De Vennootschap noch haar huidige bestuurders zijn momenteel partij in deze procedures.
De Vennootschap vernam dat er strafrechtelijke klachten zijn ingediend door aandeelhouders. De Vennootschap zal haar medewerking verlenen aan het gerechtelijk onderzoek.
Onderzoek vanwege de FSMA
Het Directiecomité van de Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten ("FSMA") heeft in september 2019 beslist om een onderzoek in te stellen naar de informatieverstrekking door de Vennootschap. Dit onderzoek spitste zich aanvankelijk toe op de informatie verstrekt over de commerciële relatie van de Vennootschap met Trafigura.
In een persbericht van 29 mei 2020 heeft de FSMA te kennen gegeven dat dit onderzoek zou worden uitgebreid naar informatie over de verwachte winstbijdrage van en de totale kosten voor de herontwikkeling van de Port Pirie-smelter in Australië en over de solvabiliteits- en liquiditeitspositie van de Vennootschap op het einde van 2018.
De Vennootschap blijft volledig meewerken aan het onderzoek van de FSMA.
Bij de raming van de per 31 december 2021 geboekte voorziening voor beëindiging ten bedrage van EUR 9,0 miljoen en rekening houdende met de bovenvermelde (hangende) gerechtelijke procedures waarnaar hierboven verwezen wordt (en op basis van een redelijke verwachting inzake de timing van de Belgische gerechtelijke procedures), gaat de Vennootschap bij de berekening van de provisie voor beëindiging ervan uit dat het vereffeningsproces ongeveer tegen eind Q2 2028 zal zijn voltooid, d.w.z. binnen ongeveer zes jaar na de publicatie van de financiële overzichten per 31 december 2021. Het bedrag van de voorziening is gebaseerd op de geraamde exploitatiekosten die vóór en tijdens het vereffeningsproces moeten worden gemaakt. Deze kosten omvatten de kosten van de vereffenaar, de juridische, boekhoud- en auditkosten, de noteringsvergoedingen en andere bedrijfskosten. Per 31 december 2021 heeft de Vennootschap de EUR 2,4 miljoen geraamde kosten van het college van deskundigen dat door de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank van Antwerpen werd aangesteld, die voorheen in de berekening van de voorziening waren opgenomen, van de berekening van de voorziening uitgesloten, aangezien het deskundigenonderzoek is herroepen en stopgezet als gevolg van het vonnis van 9 november 2021 van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) en de Vennootschap thans niet verwacht dat deze kosten door de Vennootschap zullen worden gemaakt. De eisende aandeelhouders zijn op 23 december 2021 in beroep gegaan tegen het vonnis van 9 november 2021. Het geraamde bedrag van de voorziening gaat uit van een stabiel verloop van de kosten van de vereffenaar en andere kosten die de Vennootschap over de periode tot de voltooiing van de vereffeningsprocedure zal moeten maken.
Het geraamd bedrag van de voorziening sluit alle kosten uit die de Vennootschap zou kunnen maken in verband met de verdediging in de bovenvermelde gerechtelijke procedures waarvoor de Directors & Officers ("D&O") verzekeraar van de Vennootschap thans heeft bevestigd de Vennootschap schadeloos te stellen voor haar gemaakte erelonen, kosten en uitgaven. De D&O verzekeraar heeft thans alleen bevestigd de Vennootschap schadeloos te stellen voor haar erelonen, kosten en uitgaven gemaakt door (i) haar raadsmannen voor het assisteren bij de reactie op de ingebrekestelling van 17 maart 2020, en het vertegenwoordigen van de
Vennootschap in de procedure van 29 mei 2020;
(ii) haar raadsmannen voor het vertegenwoordigen van de Vennootschap in de kort geding (deskundigen) procedures van 27 april 2020, alsmede het door de Vennootschap op 15 december 2020 ingestelde beroep tegen de beschikking van de rechtbank van 30 oktober 2020 tot benoeming van een college van deskundigen in de zin van art. 7:160 WVV;
(iii) haar raadsmannen voor de vertegenwoordiging van de Vennootschap in het bij voornoemde beschikking van 30 oktober 2020 gelaste (nu stopgezette) deskundigenonderzoek; en
(iv) de door de Vennootschap ingeschakelde partij-benoemde deskundigen voor het onderzoek van de in voornoemde procedures ingediende vorderingen alsmede om de Vennootschap bij te staan in het voornoemde deskundigenonderzoek.
De D&O verzekeraar heeft echter dekking van de erelonen, kosten en uitgaven van de door de rechtbank aangestelde deskundigen (zoals hierboven vermeld) geweigerd en op basis van de gerechtelijke uitspraak van 30 oktober 2020 (waartegen de Vennootschap in beroep is gegaan en waartegen Trafigura PTE Ltd. En Trafigura Group PTE Ltd. derdenverzet hebben ingesteld, en die als gevolg van dit verzet is herroepen bij vonnis van 9 november 2021 van de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen), moeten deze erelonen, kosten en uitgaven door de Vennootschap worden gedekt. Het werkelijke bedrag van deze erelonen, kosten en uitgaven zal afhangen van het feit of het Hof van Beroep zal beslissen om het deskundigenonderzoek te heropenen (dat momenteel is stopgezet ten gevolge van het vonnis van 9 november 2021), de duur van het bevolen onderzoek, de duur van de bovenvermelde gerechtelijke procedures, de mate van betrokkenheid van de Vennootschap en eventuele andere elementen.
Mocht de vereffeningsprocedure langer dan duren dan verwacht, dan zouden de geraamde kosten die de Vennootschap vóór de voltooiing van de vereffening moet maken, hoger liggen. In de veronderstelling dat in dat geval de vereffening tegen eind Q2 2030 is voltooid, schat de Vennootschap dat de tijdens het vereffeningsproces opgelopen kosten tot EUR 10,7 miljoen zouden stijgen. Deze extra kosten boven de per 31 december 2021 opgenomen voorziening van EUR 9,0 miljoen zouden het eigen vermogen van de Vennootschap na 31 december 2021 verder doen dalen. Indien er bijkomende kosten zijn of indien de kosten in verband met een of meer van de hierboven vermelde juridische procedures niet zouden worden gedekt door de D&O verzekering van de Vennootschap, kan dit de Vennootschap noodzaken bijkomende financiering aan te trekken buiten de opbrengsten van de uitoefening van de EUR 20 miljoen Putoptie (indien uitgeoefend) min die bedragen opgenomen onder de Limited Recourse Loan Facility, die moeten worden betaald uit de opbrengsten van de Putoptie. In dit verband wordt verwezen naar de informatie over verbonden partijen met betrekking tot de verplichte vervroegde aflossing en de bepalingen inzake beperkt verhaal onder de Limited Recourse Loan Facility die van toepassing zal zijn op de opbrengsten van de Putoptie (zie 1.5.4. en 1.5.5 hieronder). Indien de Vennootschap niet in staat is dergelijke aanvullende financiering te verkrijgen, is het mogelijk dat de vereffening geen solvente vereffening is.
De Vennootschap heeft de lopende exploitatiekosten die zij in het jaar eindigend op 31 december 2021 heeft gemaakt opgenomen als Diensten en diverse goederen (code 61). Tijdens het jaar eindigend op 31 december 2021 heeft de Vennootschap de voorziening voor beëindiging van de bedrijfsactiviteiten ten bedrage van EUR 2.738.348 aangewend, voornamelijk ter compensatie van de lopende exploitatiekosten. Het gebruik van de voorziening is opgenomen in de niet-recurrente bedrijfskosten (code 66A), na aftrek van de toevoegingen aan de voorziening voor stopzetting van EUR 959.148.
d) Per 31 december 2021 was de Vennootschap volledig bevrijd van alle voorwaardelijke verplichtingen die door de Vennootschap eerder waren verstrekt of onherroepelijk waren toegezegd voor schulden en verplichtingen van derden (31 december 2020: 12,0 miljoen die nog aan de Trafigura groep moetsen worden overgedragen). Voor meer details, zie punt 1.3 Vrijgave van garanties van moedervennootschappen ten gunste van derden in de "Informatie over verbonden partijen".
De Vennootschap heeft de mogelijke impact van de COVID-19 uitbraak en de oorlog in Oekraïne op de opname en waardering van de activa en passiva van de Vennootschap per 31 december 2021 beoordeeld. Het belangrijkste actief van de Vennootschap is het 2%-belang van de Vennootschap in NN2. De Vennootschap heeft kennisgenomen van de persberichten die zijn gepubliceerd door Trafigura en de Nyrstar operationele groep, maar heeft momenteel geen aanwijzingen ontvangen dat noch de COVID-19 uitbraak, noch de oorlog in Oekraïne een significante impact zouden hebben op de Trafigura groep die de waarde van het 2%-belang van de Vennootschap in NN2 zou beïnvloeden. In ieder geval heeft de Vennootschap de Putoptie die haar toelaat het geheel (maar niet slechts een deel) van haar belang in NN2 te verkopen aan Trafigura aan een vaste prijs van EUR 20 miljoen. In dit verband wordt verwezen naar de informatie over verbonden partijen met betrekking tot de verplichte vervroegde aflossing en bepalingen inzake beperkt verhaal onder de Limited Recourse Loan Facility die van toepassing zal zijn op de opbrengsten van de Putoptie (zie 1.5.4. en 1.5.5 hieronder). De Vennootschap maakt ook gebruik van de Limited Recourse Loan Facility met NN2 om haar activiteiten te financieren. De Vennootschap heeft momenteel geen aanwijzingen ontvangen dat NN2 of Trafigura niet in staat zou zijn haar verplichtingen jegens de Vennootschap na te komen. Naar het oordeel van de Vennootschap zijn er geen bijkomende potentiële significante gevolgen van de COVID-19 uitbraak en de oorlog in Oekraïne voor de waardering van de activa en passiva van de Vennootschap per 31 december 2021.
Op 9 december 2019 werd een BAV van de Vennootschap gehouden om te beraadslagen over de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap en een voorgestelde kapitaalvermindering. De aandeelhoudersvergadering verwierp de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap. Als gevolg van een beschikking van 26 juni 2020 van de Voorzitter van Ondernemingsrechtbank van Antwerpen (afdeling Antwerpen), op verzoek van een groep aandeelhouders, is het de Vennootschap thans verboden een algemene vergadering te laten plaatsvinden met als agendapunt de ontbinding van de Vennootschap tot drie maanden nadat er een in kracht van gewijsde gegane beslissing over de aanstelling van een college van deskundigen zal zijn gewezen. Als zodanig zijn deze financiële overzichten per 31 december 2021 van de Vennootschap opgesteld op basis van discontinuïteit.
Krachtens artikel 3:23 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen is een moedervennootschap die één of meer dochterondernemingen controleert, verplicht een geconsolideerde jaarrekening op te stellen, tenzij deze dochterondernemingen, gelet op het geconsolideerde vermogen, alleen of gezamenlijk, een geconsolideerde financiële positie of geconsolideerde resultaten hebben die slechts van te verwaarlozen betekenis zijn. Aangezien de Vennootschap op 31 december 2021 geen controle had over enige belangrijke dochteronderneming, was de Vennootschap niet verplicht om een geconsolideerde jaarrekening op te stellen voor de periode eindigend op 31 december 2021. In overeenstemming met artikel 12, §3, laatste lid, van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007, heeft de Vennootschap de enkelvoudige statutaire financiële overzichten per 31 december 2021 opgesteld in overeenstemming met het Belgische boekhoudkundig referentiestelsel.
Tussen 1 augustus 2021 en 31 juli 2022 kan de Vennootschap tot EUR 1,2 miljoen opnemen onder Faciliteit A van de Limited Recourse Loan Facility voor de lopende gewone bedrijfsuitoefening van de Vennootschap (waarvan EUR 0,9 miljoen reeds opgenomen werd op de datum van dit verslag). De Vennootschap kan ook gebruik maken van de afzonderlijke tranche van EUR 5 miljoen van de Limited Recourse Loan Facility bestemd voor de betaling van bepaalde kosten in verband met verdediging in rechtszaken, tenzij gedekt door de D&O verzekering, indien nodig zoals uiteengezet in 1.4 van de Informatie over verbonden partijen (waarvan EUR 3,2 miljoen reeds is opgenomen op de datum van dit verslag).
Op de datum van goedkeuring van de financiële overzichten van 31 december 2021 heeft de Vennootschap geoordeeld dat, rekening houdend met haar beschikbare liquide middelen, kasequivalenten, gecommitteerde faciliteiten die beschikbaar werden gesteld voor de Vennootschap, de mogelijkheid om de Putoptie uit te oefenen en haar kasstroomprognoses voor de komende 12 maanden na de goedkeuring van de financiële overzichten van 31 december 2021 door de Raad van Bestuur, zij voldoende liquiditeit heeft om aan haar huidige verplichtingen te voldoen en de behoefte aan werkkapitaal te dekken. De verwachte beschikbare liquiditeit van de Vennootschap, waaronder het niet-opgenomen bedrag van EUR 0,3 miljoen per de datum van dit verslag (van EUR 1,2 miljoen) dat beschikbaar is voor de Vennootschap voor het derde jaar (beginnend op 1 augustus 2021) van Faciliteit A (zoals gedefinieerd hieronder) van de Limited Recourse Loan Facility en het niet-opgenomen bedrag van EUR 2,0 miljoen (van EUR 5 miljoen) van Faciliteit B van de Limited Recourse Loan Facility, is afhankelijk van verschillende zaken, waaronder de mogelijke benoeming van een vereffenaar en zijn volgende stappen, het bestaan en de reikwijdte van de juridische claims tegen de Vennootschap die financiering zou vereisen van deze juridische procedures en andere momenteel niet voorziene zaken zoals beschreven in onderdeel d) van de waarderingsregels hierboven. Zoals hierboven vermeld, is het mogelijk dat, indien de aanstelling van de vereffenaar verder wordt uitgesteld of niet wordt goedgekeurd door de aandeelhoudersvergadering of indien de kosten hoger zijn dan momenteel verwacht, en er geen uitkeringen zijn met betrekking tot de deelneming van de Vennootschap, de Vennootschap zich moet verzekeren van bijkomende financiering. Het risico bestaat dat dergelijke bijkomende financiering niet beschikbaar is voor de Vennootschap of dat ze niet beschikbaar is tegen aanvaardbare voorwaarden. De Vennootschap kan in dat geval ook overwegen om de Putoptie op haar belang van 2% in NN2 vervroegd uit te oefenen voor de vervaldatum op 31 juli 2022.
Indien de bovenvermelde financieringsopties de Vennootschap niet voldoende middelen verschaffen wanneer ze nodig zijn, kan de Vennootschap haar Putoptie uitoefenen voor de vervaldatum ervan van 31 juli 2022 en die de Vennootschap in staat stelt het geheel (maar niet slechts een deel) van haar 2%-belang in de Operationele Groep te verkopen voor EUR 20 miljoen, min die bedragen die zijn opgenomen onder de Limited Recourse Loan Facility die moeten worden betaald uit de opbrengst van de Putoptie. In dit verband wordt verwezen naar de informatie over verbonden partijen met betrekking tot de verplichte vervroegde aflossing en bepalingen inzake beperkt verhaal onder de Limited Recourse Loan Facility die van toepassing zal zijn op de opbrengsten van de Putoptie (zie [1.5.4. en 1.5.5] hieronder).
In oktober 2018 startte de voormalige Nyrstar groep het nazicht van haar balansstructuur (het "Nazicht van de Balansstructuur") naar aanleiding van de uitdagende financiële en operationele omstandigheden waarmee de Nyrstar groep werd geconfronteerd. Het Nazicht van de Balansstructuur heeft een zeer aanzienlijke bijkomende financieringsbehoefte aangetoond waaraan de Nyrstar groep niet kon voldoen zonder een aanzienlijke vermindering van de schuldenlast van de Nyrstar groep. Als gevolg hiervan moest er in het kader van het Nazicht van Balansstructuur tussen de financiële schuldeisers van de Nyrstar groep onderhandeld worden, wat uiteindelijk resulteerde in de herstructurering van de Nyrstar groep, die op 31 juli 2019 van kracht werd (de "Herstructurering"). Als gevolg van de Herstructurering is Trafigura Group Pte. Ltd., via haar indirecte 98%-eigendom van de nieuwe holdingvennootschap van NN2, de uiteindelijke moedervennootschap geworden van de voormalige (directe en indirecte) dochterondernemingen van de Vennootschap (de "Operationele Groep"), waarbij het resterende 2%-belang in NN2 (en daarmee de Operationele Groep) in handen is van de Vennootschap.
De overeenkomsten met Trafigura waarbij de Vennootschap thans partij is worden hieronder in meer detail besproken.
De lock-up overeenkomst ("Lock-Up Overeenkomst") die op 14 april 2019 werd gesloten tussen, onder andere, de Vennootschap en vertegenwoordigers van haar belangrijkste groepen van financiële schuldeisers, beoogde dat de Vennootschap, Trafigura Pte Ltd ("Trafigura") en Nyrstar Holdings Plc (voorheen gekend onder de naam Nyrstar Holdings Limited, "Nyrstar Holdings", een special-purpose vehicle van Trafigura dat werd opgericht, onder andere, ten behoeve van de uitvoering van de Herstructurering) een overeenkomst zouden sluiten waarin zij hun instemming zouden bevestigen met (i) bepaalde stappen die nodig waren voor de uitvoering van de herstructurering zoals beoogd in de Lock-Up Overeenkomst en (ii) de voorwaarden van de huidige relatie tussen de Vennootschap en de Trafigura groep (de "NNV-Trafigura Deed"). De NNV-Trafigura Deed werd op 19 juni 2019 ondertekend. Bepaalde belangrijke bepalingen van het NNV-Trafigura Deed kunnen als volgt worden samengevat.
Uitkeringsbeleid: krachtens de NNV-Trafigura Deed hebben Trafigura en Nyrstar Holdings verplichtingen op zich genomen die bedoeld zijn om, voor zover mogelijk, te verzekeren dat alle door de Operationele Groep gerealiseerde winsten worden uitgekeerd aan de aandeelhouders van NN2 (inclusief de Vennootschap als 2% minderheidsaandeelhouder). Daartoe is Nyrstar Holdings overeengekomen om ervoor te zorgen dat: (i) de raad van bestuur van NN2 ten minste jaarlijks bijeenkomt om te beoordelen of NN2 winsten heeft die rechtmatig beschikbaar zijn voor uitkering (en zo ja, dan zal NN2 die uitkering doen in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving); en (ii) NN2 en de andere leden van de Operationele Groep, krachtens de voorwaarden van financierings- of andere overeenkomsten waarbij zij partij zijn of zullen zijn (andere dan financierings- of andere overeenkomsten die op marktconforme voorwaarden met derden zijn aangegaan), niet onderworpen zullen zijn aan beperkingen op het uitkeren van dividenden of het doen van andere uitkeringen aan hun respectieve aandeelhouders.
Volgrechten/Volgplichten: onder de voorwaarden van de NNV-Trafigura Deed, als Nyrstar Holdings of een of meer Trafigura entiteiten die het 98% belang in NN2 bezitten (zijnde de "Meerderheidsaandeelhouder(s)") op enig moment een overdracht voorstellen van enig recht of belang aan een derde koper (tegen marktconforme voorwaarden, tegen contante of niet-contante vergoeding) die ertoe zou leiden dat een lid van de Trafigura groep 50% of minder van de aandelen in NN2 zou bezitten, dan zal (zullen) de Meerderheidsaandeelhouder(s) die de overdracht voorstelt (voorstellen), het recht hebben om de Vennootschap te verplichten haar volledige 2%-aandelenbelang in NN2 over te dragen (een "volgplicht"), en de Vennootschap zal een gelijkwaardig recht hebben om aan een dergelijke overdracht deel te nemen (een "volgrecht"), tegen dezelfde voorwaarden en voor dezelfde vergoeding per aandeel als voor de Meerderheidsaandeelhouder(s).
NN2 controlewijziging: de NNV-Trafigura Deed verplicht Trafigura en Nyrstar Holdings om ervoor te zorgen dat de Trafigura groep alleen een intragroepsreorganisatie doorvoert die tot gevolg heeft dat ten minste 75% van de netto activa (in waarde) van de Operationele Groep niet langer in handen is van NN2 maar van een ander lid van de Trafigura groep (de "Vervangende HoldCo"), indien (i) de reorganisatie te goeder trouw geschiedt, (ii) de financiële positie van de Vervangende Holdco in wezen dezelfde is als die van NN2 onmiddellijk voorafgaand aan deze intragroepsreorganisatie, (iii) er regelingen worden getroffen zodat aandeelhouders van de Vervangende Holdco (waaronder de Vennootschap) ten aanzien van de Vervangende Holdco in wezen gelijkwaardige rechten en verplichtingen hebben als ten aanzien van NN2, en (iv) de Vennootschap een aandelenbelang in de Vervangende Holdco heeft dat gelijkwaardig is aan haar aandelenbelang in NN2 onmiddellijk voorafgaand aan de intragroepsreorganisatie, met in wezen dezelfde rechten en beschermingen. Indien aan deze voorwaarden is voldaan, zal de Vennootschap alle stappen ondernemen en alle redelijke bijstand verlenen die nodig is om de intragroepsreorganisatie tot stand te brengen, en zal zij te goeder trouw haar medewerking verlenen. Alle kosten die de Vennootschap daarbij redelijkerwijs maakt (met inbegrip van redelijke vergoedingen voor adviseurs), komen ten laste van Trafigura.
Krachtens de NNV-Trafigura Deed kwamen de Vennootschap en Trafigura ook overeen dat Trafigura aan de Vennootschap een optie zou verlenen om een Trafigura entiteit te verplichten het volledige belang van de Vennootschap in NN2 te kopen. De voorwaarden van deze optie zijn uiteengezet in een afzonderlijke overeenkomst, gedateerd 25 juni 2019, tussen de Vennootschap, Trafigura en Nyrstar Holdings (de "Put Option Deed"). Onder de voorwaarden van de Put Option Deed kan de Vennootschap het geheel (maar niet slechts een deel) van haar 2%-belang in NN2 aan Trafigura verkopen tegen een prijs gelijk aan EUR 20 miljoen (de "Putoptie"). In dit verband wordt verwezen naar de informatie over verbonden partijen met betrekking tot de verplichte vervroegde terugbetalingsverplichtingen en bepalingen inzake beperkt verhaal onder de Limited Recourse Loan Facility die van toepassing zullen zijn op de opbrengsten van de Putoptie (zie 1.5.4 en 1.5.5 hieronder). De Putoptie kan door de Vennootschap worden uitgeoefend tot 31 juli 2022, onder voorbehoud van beperkte triggers die een vroegere beëindiging van de Put Optie vóór 31 juli 2022 mogelijk maken.
Op 18 november 2021 deelde de Vennootschap mee dat ze Moore Corporate Finance had aangesteld om een onafhankelijk expertenadvies op te stellen voor de onafhankelijke bestuurders van de Vennootschap ("Comité van Onafhankelijke Bestuurders"), in het kader van artikel 7:97 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Het advies van de onafhankelijke expert bestaat erin om het Comité van Onafhankelijke Bestuurders te adviseren bij de beoordeling van het voordeel voor de Vennootschap, rekening houdend met alle relevante omstandigheden, van het al dan niet uitoefenen van de Putoptie die de Vennootschap heeft met betrekking tot haar (volledige) 2%-participatie in NN2. Bij zijn beslissing over het al dan niet uitoefenen van de Putoptie zal het Comité van Onafhankelijke Bestuurders ook terdege rekening houden met eventuele onderbouwde biedingen van derden, onder meer van andere aandeelhouders van de Vennootschap dan Trafigura en/of van andere belanghebbenden en derden, die het kon ontvangen met betrekking tot de 2%-participatie in NN2. Dergelijke biedingen op de 2%-participatie in NN2 dienden vóór 15 februari 2022 aan de Vennootschap te worden gericht. Op de datum van dit verslag heeft de Vennootschap geen bod ontvangen. Naar verwachting zal de Raad van Bestuur een beslissing nemen over het al dan niet uitoefenen van de Putoptie of de mogelijke verkoop van de 2%-participatie in NN2 aan een derde partij vóór de vervaldatum van de Putoptie op 31 juli 2022.
1.3.Vrijgave van de moedervennootschapsgaranties ("PCG's") ten gunste van Trafigura
Zoals hierboven vermeld, was de Vennootschap vóór de datum van inwerkingtreding van de Herstructurering, namelijk 31 juli 2019 (de "Effectieve Datum van de Herstructurering"), de uiteindelijke moedervennootschap van de Nyrstar groep, en had ze voordien verscheidene moedervennootschapsgaranties (de "PCG's") verleend ten aanzien van de verplichtingen van haar dochterondernemingen, waaronder, maar niet beperkt tot, twee moedervennootschapsgaranties (de "Trafigura PCG's") die verleend werden ten aanzien van de principale financiële verplichtingen van de toenmalige indirecte dochteronderneming van de Vennootschap, Nyrstar Sales & Marketing AG ("NSM"), aan Trafigura, namelijk in het kader van de Trade Finance Framework Agreement ("TFFA") van USD 650 miljoen en de Bridge Finance Facility Agreement ("BFFA") van USD 250 miljoen. De Trafigura PCG's en alle andere zekerheden en/of garanties die de Operationele Groep aan Trafigura verstrekte in verband met de TFFA en BFFA, werden op de Effectieve Datum van de Herstructurering volledig vrijgegeven.
1.4.Vrijgave van de moedervennootschapgaranties ("PCG's") ten gunste van derden en de rechten van de Vennootschap op schadeloosstelling door NN2 krachtens de NNV-NN2 SPA
Voorafgaand aan, en als onderdeel van de uitvoering van, de Herstructurering sloot de Vennootschap een overeenkomst voor de verkoop en overdracht door de Vennootschap van vrijwel al haar activa, waaronder 100% van haar aandelenbezit in Nyrstar Netherlands (Holdings) BV en ook haar deelnemingen (direct en indirect) in haar dochterondernemingen, maar met uitzondering van haar aandelen in NN1, aan NN2 (de "NNV-NN2 SPA"). Krachtens de NNV-NN2 SPA geniet de Vennootschap van contractuele overeenkomsten met NN2 en Trafigura met betrekking tot de vrijgave van, of schadeloosstelling voor, aansprakelijkheden voor bestaande financiële schulden en verplichtingen aan derden in verband met financiële, commerciële of andere verplichtingen van de toenmalige leden van de Operationele Groep (de "PCG's"), zodat die derden geen verhaal meer zouden hebben op de Vennootschap. De vrijstellings- en/of schadeloosstellingsverplichtingen van NN2 waarvan de Vennootschap geniet kunnen als volgt worden samengevat. -Vrijstelling van PCG's en algemene schadeloosstelling: De NNV-NN2 SPA bevat een verbintenis van NN2 om redelijke inspanningen te leveren om de vrijstelling te verkrijgen van verplichtingen die de Vennootschap uit hoofde van PCG's van derden verschuldigd is. Deze verplichting wordt gecombineerd met een verplichting van NN2 om de Vennootschap, voor zover die PCG's niet worden vrijgegeven, te vrijwaren voor alle aansprakelijkheden in verband met die PCG's als gevolg van het niet volledig nakomen van de hoofdverplichtingen door het betreffende lid van de Operationele Groep.
-Schadeloosstelling voor specifieke historische aansprakelijkheden: Verder bevat de NNV-NN2 SPA ook een verplichting voor NN2 om de Vennootschap, voor zover niet gedekt door de vrijgave en/of schadeloosstelling van de hierboven vermelde PCG's, schadeloos te stellen voor bepaalde specifieke aansprakelijkheden, waaronder bepaalde aansprakelijkheden die voortvloeien uit bepaalde historische vervreemdingen door de vroegere Nyrstar groep en/of uit bepaalde historische mijnsluitingen, die in een bijlage bij de NNV-NN2 SPA worden gespecificeerd.
-Beperking van verhaal op de Vennootschap door vroegere dochterondernemingen: Om eventuele financiële verplichtingen op de Vennootschap verder te beperken en vrij te geven, verplicht de NNV-NN2 SPA NN2 om ervoor te zorgen dat, en verplicht de NNV-Trafigura Deed Trafigura om ervoor te zorgen dat, geen voormalige dochterondernemingen van de Vennootschap enige aanspraak op betaling van de Vennootschap zullen maken, behalve (i) in het kader van de Limited Recourse Loan Facility, (ii) zoals anders overeengekomen na de voltooiing van de Herstructurering; of (iii) voor zover de Vennootschap over voldoende middelen beschikt (met uitzondering van dividenden of verkoopopbrengsten met betrekking tot de rechtstreekse deelneming van 2% van de Vennootschap in NN2).
1.5.Financiële transacties met Trafigura entiteiten - de Limited Recourse Loan Facility
Op 23 juli 2019 sloot de Vennootschap een EUR 13,5 miljoen committed limited recourse loan facility af (de "Limited Recourse Loan Facility") die haar door NN2 (als "Lender") ter beschikking werd gesteld. De belangrijkste voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility worden hieronder beschreven. De Limited Recourse Loan Facility wordt in twee afzonderlijke schijven beschikbaar gesteld: (i) tot EUR 8,5 miljoen voor de lopende gewone bedrijfsactiviteiten van de Vennootschap ("Facility A"); en (ii) tot EUR 5 miljoen bestemd voor de betaling van bepaalde kosten in verband met de verdediging in rechtszaken ("Facility B"). Er zijn geen zekerheden, onderpanden of garanties verleend met betrekking tot de verplichtingen van de Vennootschap onder de Limited Recourse Loan Facility.
Op 31 december 2021 was de Vennootschap in het kader van Facility A EUR 5,5 miljoen (2020: EUR 4,6 miljoen) verschuldigd. Facility A kan door de Vennootschap gebruikt worden om dagelijkse bedrijfskosten te dekken, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, redelijke kosten voor bestuurders en personeel, premies voor D&O verzekeringen (voor zover niet betaald vóór de Effectieve Datum van de Herstructurering), auditkosten, juridische kosten (behalve die in verband met rechtszaken of andere lopende of dreigende procedures tegen de Vennootschap, die gefinancierd moeten worden uit Facility B (hieronder gedefinieerd)), noteringskosten en investor relations kosten. De financiering in het kader van Facility A wordt aan de Vennootschap verstrekt op basis van de driemaandelijkse kasstroomprognose die door de Vennootschap wordt opgesteld en aan Trafigura wordt verstrekt als voorwaarde voor de financiering. Het totale bedrag van de fondsen die in het kader van Facility A beschikbaar worden gesteld, is overeengekomen op basis van de geraamde bedrijfskosten van de Vennootschap voor een periode van vijf jaar na de voltooiing van de Herstructurering, rekening houdend met de doorlopende operationele diensten die NN2, zoals overeengekomen in de NNV-NN2 SPA, aan de Vennootschap verleent voor een periode van drie jaar vanaf de Effectieve Datum van de Herstructurering (of korter, afhankelijk van overeengekomen triggers voor vervroegde beëindiging) (de "Doorlopende Diensten"). De door NN2 aan de Vennootschap te verlenen Doorlopende Diensten omvatten financiële, fiscale, bedrijfsadvies-, IT- en administratieve diensten. De levering van de Doorlopende Diensten aan de Vennootschap is bedoeld om de bedrijfskosten van de Vennootschap in de periode na de Effectieve Datum van de Herstructurering te verminderen.
Op 31 december 2020 had de Vennootschap EUR 2,8 miljoen (2020: EUR 0,9 miljoen) opgenomen onder Facility B. Behoudens de hieronder beschreven beperkingen kan Facility B door de Vennootschap worden aangewend voor de betaling of terugbetaling van kosten in verband met een geschil, procedure, rechtsvordering of vordering (met inbegrip van belastingvorderingen) aangespannen, ingesteld of dreigend tegen de Vennootschap, NN1 of een van hun huidige of vroegere bestuurders of kaderleden (elk een "Vordering").
Onder Facility A kan de Vennootschap tot EUR 4,9 miljoen lenen vóór 31 juli 2021 en vervolgens jaarlijks tot 2024 tot nog eens EUR 1,2 miljoen. Financiering onder Facility B kan worden opgenomen op basis van de kosten die gemaakt worden in verband met een Vordering (onder voorbehoud van de hierna genoemde beperkingen, en tegen overlegging van een factuur voor die kosten). Het gebruik van elke facility is beperkt tot maximaal drie opnames per financieel kwartaal per facility (exclusief PIK Loans (zie hieronder)). Op de datum van dit verslag heeft de Vennootschap EUR 5,8 miljoen opgenomen onder Facility A en EUR 3,2 miljoen onder Facility B.
De rentevoet op de uitstaande bedragen onder de Limited Recourse Loan Facility is de som van EURIBOR plus een marge van 0,5% per jaar. De rente is betaalbaar binnen 10 werkdagen na de verjaardag van de datum waarop het bedrag ter beschikking werd gesteld, met dien verstande dat de rente gekapitaliseerd wordt als zij gedurende een periode van een jaar of langer is aangegroeid en de Vennootschap een kennisgeving in de door de Limited Recourse Loan Facility voorgeschreven vorm heeft gegeven. Elke gekapitaliseerde rente wordt behandeld als een nieuwe lening (een "PIK Loan") onder de betrokken Facility. Elke PIK loan brengt zelf rente op, en die rente kan ook gekapitaliseerd worden. De Vennootschap heeft geen rentebetalingen gedaan, gezien alle tot 31 december 2021 te betalen rente van EUR 43.000 gekapitaliseerd is in een nieuwe PIK Loan.
De Vennootschap mag geen enkel bedrag dat in het kader van Facility A of Facility B wordt geleend gebruiken voor de financiering (direct of indirect) van kosten in verband met het instellen of helpen instellen van vorderingen (met inbegrip van tegenvorderingen of verweer) tegen Trafigura, andere leden van de Trafigura groep, NN2 en/of een Vervangende Holdco, en/of een ander lid van de Operationele Groep), tegen huidige of vroegere bestuurders, kaderleden of adviseurs van deze entiteiten, tegen enige schuldeiser ten aanzien van deze entiteiten (anders dan met toestemming van NN2, welke toestemming niet onredelijk mag worden ingehouden of uitgesteld) of in verband met enige betwisting van de Herstructurering, ook in verband met de TFFA en de BFFA of enig ander document dat door de akte tot implementatie van de Herstructurering werd beoogd.
Indien op enig moment na 31 juli 2020 het bedrag van de beschikbare contanten, na aftrek van het minimum "headroom" bedrag van EUR 1 miljoen, van de Vennootschap (verminderd met enig bedrag van de opbrengst van enige Facility B die bestemd is om te worden aangewend voor kosten die de Vennootschap heeft gemaakt en waarop de Facility B Loan betrekking heeft, maar die nog niet is aangewend) meer bedraagt dan EUR 1,5 miljoen, moet de Vennootschap, binnen vijf werkdagen na het ontstaan van het overschot aan contanten, het betreffende overschot aan contanten aanwenden voor de terugbetaling van alle uitstaande bedragen onder Facility B. Als er na deze terugbetaling overtollige contanten overblijven, zal de Vennootschap 50% van dat overblijvende overschot aan contanten aanwenden voor de terugbetaling van het uitstaande bedrag onder Facility A, en zal ze (voor zover toegestaan door de toepasselijke weten regelgeving) de resterende 50% van dat overschot aan contanten aanwenden voor de betaling van dividenden aan de aandeelhouders van de Vennootschap. Het bovenstaande geldt slechts tot het laatste van (i) de datum waarop de Vennootschap ophoudt haar aandelenbelang van 2% in de Operationele Groep te bezitten (zulk aandelenbelang is ten gevolge van een rechtstreekse deelneming in NN2 of in de Vervangende Holdco (zoals hierboven gedefinieerd) - het "Aandelenbelang van de Vennootschap", en deze datum is de "Exitdatum van de Vennootschap") en (ii) de ontvangst van alle opbrengsten (onder voorbehoud van toegestane/vereiste inhoudingen krachtens de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility) uit vervreemding(en) van het Aandelenbelang van de Vennootschap die leidt (leiden) tot het zich voordoen van de Exitdatum van de Vennootschap (de "Vervreemdingsopbrengsten") (die, voor alle duidelijkheid, ook in werking wordt gesteld door de uitoefening van de Putoptie).
Onmiddellijk na ontvangst van enige Vervreemdingsopbrengsten en onderworpen aan de hieronder beschreven bepalingen inzake beperkt verhaal (zie in het bijzonder 1.5.5), zal de Vennootschap ervoor zorgen dat deze in de eerste plaats aangewend worden om enig uitstaand bedrag onder Facility B vervroegd terug te betalen (zijnde de schijf voor geschillen), en in de tweede plaats, indien (i) er enige Vervreemdingsopbrengsten overblijven na enige vereiste vervroegde terugbetaling van Facility B, en (ii) het totaalbedrag van alle onder Facility A uitstaande bedragen (zijnde de schijf voor operationele kosten) meer bedraagt dan EUR 5 miljoen, om dergelijke bedragen onder Facility A vervroegd terug te betalen tot of ten belope van een totaalbedrag van EUR 5 miljoen.
De Vennootschap zal ervoor zorgen dat, indien op of na de Exitdatum van de Vennootschap een uitkering wordt betaald aan de aandeelhouders van de Vennootschap, een bedrag gelijk aan die uitkering wordt aangewend om de uitstaande bedragen onder Facility A vóór of gelijktijdig met die uitkering terug te betalen of vervroegd af te lossen.
Aangezien op de datum van dit verslag gelden werden opgenomen onder Faciliteit B, zou de uitoefening van de Putoptie bijgevolg niet alleen leiden tot een stopzetting van de mogelijkheid tot opneming onder de Limited Recourse Loan Facility, maar ook tot de terugbetaling van de onder de Limited Recourse Loan Facility opgenomen gelden met de opbrengst van de uitoefening van de Putoptie. Op de datum van dit verslag, onderworpen aan de hieronder beschreven bepalingen inzake beperkt verhaal (zie in het bijzonder 1.5.5), zou het bedrag van EUR 20 miljoen moeten worden gebruikt voor de terugbetaling van EUR 3,2 miljoen onder Faciliteit B en EUR 0,8 miljoen (van de EUR 5,8 miljoen) onder Faciliteit A.
De Vennootschap is ook overeengekomen dat, als ze bedragen ontvangt uit kostenvergoedingen, schadevergoedingen en/of andere recuperaties van een tegenpartij bij een Vordering (dergelijke bedragen vormen "Vorderingsopbrengsten"), die Vorderingsopbrengsten onmiddellijk gebruikt moeten worden om de onder Facility B uitstaande bedragen terug te betalen of vervroegd af te lossen.
Bovendien zijn er gebruikelijke bepalingen die verplichten tot vervroegde terugbetaling van de uitstaande bedragen onder Facility A en Facility B of beide in geval van bepaalde gevallen van wanprestatie die een vervroegde invordering door de Lender zouden toelaten.
In overeenstemming met de bepalingen inzake beperkt verhaal van de Limited Recourse Loan Facility (zoals nader uiteengezet in 1.5.5 hieronder), is het verhaal van NN2 op de Vennootschap met betrekking tot de terugbetaling van opgenomen bedragen of enige andere verplichting uit hoofde daarvan echter beperkt tot de eventuele netto activa van de Vennootschap.
Zoals hierboven vermeld is het verhaal van NN2 als Lender onder de Limited Recourse Loan Facility op de terugbetaling daarvan of op enige andere verplichting van de Vennootschap uit hoofde daarvan beperkt tot de "Netto Activa van de Vennootschap", zijnde de activa (met inbegrip van alle huidige en toekomstige eigendommen, inkomsten en rechten van welke aard ook) van de Vennootschap (met uitzondering van activa die worden gehouden of ontvangen in beheer voor een persoon die geen lid is van Nyrstar of haar dochterondernemingen) die haar "Verplichtingen" (zijnde alle huidige of toekomstige verplichtingen en verbintenissen, zowel vaststaande als voorwaardelijke, die alleen of gezamenlijk zijn aangegaan, dan wel als lastgever of borg of in enigerlei andere hoedanigheid) heeft voldaan of daarvoor heeft gezorgd, met uitzondering van de Verplichtingen van de Vennootschap uit hoofde van de Limited Recourse Loan Facility en verbonden financieringsdocumenten die in dit verband buiten beschouwing worden gelaten.
Verder zullen, voor zover de Netto Activa van de Vennootschap ontoereikend zijn om de verplichtingen van de Vennootschap onder de Limited Recourse Loan Facility te voldoen, deze verplichtingen geacht worden beperkt te zijn tot het bedrag van de Netto Activa van de Vennootschap, en de Lender zal niet gerechtigd zijn een vordering in te stellen en zal geen verder verhaal tegen de Vennootschap hebben en de Vennootschap zal niet gehouden zijn tot betaling of anderszins.
Deze beperking van NN2's verhaal op de Vennootschap geldt echter niet voor zover de waarde van de Netto Activa van de Vennootschap wordt aangetast, of NN2 verlies lijdt ten gevolge van een schending door de Vennootschap van enige bepaling van de Limited Recourse Loan Facility (of enig daaraan verbonden financieringsdocument), anders dan de herhalende verklaringen/waarborgen daaronder of de bepalingen die betaling van rente/kosten of terugbetaling/voorafbetaling van de hoofdsom daaronder vereisen.
1.5.6.Verbintenissen inzake informatie, overleg en strategie bij geschillen
Indien een Vordering ontstaat tengevolge waarvan de Vennootschap redelijkerwijs verwacht dat zij een beroep zou kunnen doen op Facility B, moet de Vennootschap:
-NN2 en Trafigura onverwijld op de hoogte brengen van de Vordering;
-met inachtneming van de toepasselijke wetgeving of vertrouwelijkheidsverplichtingen jegens derden, aan NN2 en Trafigura alle informatie ter beschikking stellen die zij in haar bezit en onder haar controle heeft en waarom NN2 of Trafigura redelijkerwijs verzoekt in verband met de beoordeling, betwisting, aanvechting, verdediging, beroep of schikking van de Vordering, op voorwaarde dat NN2 en Trafigura de vertrouwelijkheid en/of het voorrecht met betrekking tot die informatie in acht nemen;
-NN2 en Trafigura op de hoogte houden van de voortgang/ontwikkelingen met betrekking tot de Vordering, en alle correspondentie of andere informatie die in verband met de Vordering wordt ontvangen, onverwijld verstrekken;
-overleggen met en rekening houden met de standpunten van NN2 en Trafigura over de toepasselijke juridische adviseurs die de Vennootschap, NN1, of de toepasselijke bestuurders of kaderleden zullen vertegenwoordigen. De Vennootschap zal er ook voor zorgen dat deze juridische adviseurs ereloonramingen verstrekken zoals NN2 of Trafigura vragen;
-overleggen met en rekening houden met de standpunten van NN2 en Trafigura met betrekking tot het voeren van de verdediging/onderhandelingen/schikkingen met betrekking tot de Vordering; en
-zolang er een bedrag uitstaat onder Facility B in verband met een burgerlijke Vordering, geen enkele erkenning van aansprakelijkheid, overeenkomst, schikking of compromis aangaan in verband met die Vordering zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van Trafigura.
De Vennootschap moet ook met Trafigura overleggen alvorens enige actie te ondernemen in verband met insolventie- of faillissementsprocedures, ook uit hoofde van Boek XX van het Belgisch Wetboek van Economisch Recht.
De Vennootschap is ook verplicht NN2 bepaalde financiële informatie te verstrekken, waaronder driemaandelijkse kasstroomprognoses (en eventuele herzieningen daarvan die krachtens de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility vereist zijn), halfjaarlijkse financiële overzichten en gecontroleerde jaarrekeningen, opgesteld op geconsolideerde basis (voor zover de Vennootschap dochterondernemingen heeft) en in overeenstemming met de boekhoudkundige principes die krachtens de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility overeengekomen zijn.
Bij de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019 werd de "Relatieovereenkomst" tussen Trafigura Group Pte Ltd en de Vennootschap (gedateerd 9 november 2015) beëindigd. De Relatieovereenkomst regelde de relatie tussen de Vennootschap (en de bredere Nyrstar groep) en Trafigura Group Pte. Ltd. en de met haar verbonden personen tussen de ondertekening ervan op 9 november 2015 en de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019.
De Vennootschap heeft geen commerciële of andere transacties met Trafigura gesloten in het jaar eindigend op 31 december 2021.
OVERIGE RECHTEN EN VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN DIE NIET VOORKOMEN OP DE BALANS (met inbegrip van die welke niet kunnen worden gekwantificeerd)
Tot 31 juli 2019 was de Vennootschap de holding van de Nyrstar groep (bestaande uit de Vennootschap en haar voormalige dochterondernemingen). Op 31 juli 2019, toen de Herstructurering van de Nyrstar-groep werd afgerond, werd de Vennootschap vrijgesteld van verplichtingen voor bestaande financiële schulden en verplichtingen verschuldigd uit hoofde van moedervennootschapgaranties ten aanzien van commerciële of andere verplichtingen van de huidige leden van de Operationele Groep (alle voormalige dochterondernemingen van de Nyrstar-groep met uitzondering van NN1) (of geniet zij van schadeloosstelling door NN2 voor zover dergelijke garantieverplichtingen niet worden vrijgegeven). Per 31 december 2021 is de Vennootschap volledig bevrijd van alle voorwaardelijke verplichtingen die eerder door de Vennootschap waren voorzien of onherroepelijk waren toegezegd voor schulden en verplichtingen van derden die nog aan de Trafigura groep moesten worden overgedragen (2020: EUR 12,0 miljoen) waarvoor de
Vennootschap van schadeloosstelling geniet (zie "Informatie over Verbonden partijen").
Andere voorwaardelijke verplichtingen
Naast de bovenvermelde juridische en regelgevende vorderingen en procedures is de Vennootschap onderhevig aan risico's in verband met belastingzaken, aangezien de mogelijke belastingcontroles van bepaalde boekjaren nog niet zijn afgerond. Hoewel de Vennootschap het risico in verband met deze mogelijke belastingcontroles niet als beperkt kan inschatten, acht zij het momenteel niet waarschijnlijk dat de uitkomst van deze mogelijke belastingcontroles een significante impact zal hebben op de financiële positie van de Vennootschap.
De Vennootschap heeft besloten dat er op dit moment geen bijkomende voorziening vereist is met betrekking tot hangende of potentiële belastingcontroles en dat ze momenteel niet in staat is om de potentiële risico's te kwantificeren, maar ze blijft de situatie opvolgen en beoordelen.
Nummers van de paritaire comités die voor de vennootschap bevoegd zijn: 224
| Tijdens het boekjaar | Codes | Totaal | 1. Mannen | 2. Vrouwen |
|---|---|---|---|---|
| Gemiddeld aantal werknemers | ||||
| Voltijds | 1001 | |||
| Deeltijds | 1002 | |||
| Totaal in voltijdse equivalenten (VTE) | 1003 | |||
| Aantal daadwerkelijk gepresteerde uren | ||||
| Voltijds | 1011 | |||
| Deeltijds | 1012 | |||
| Totaal | 1013 | |||
| Personeelskosten | ||||
| Voltijds | 1021 | |||
| Deeltijds | 1022 | |||
| Totaal | 1023 | |||
| Bedrag van de voordelen bovenop het loon | 1033 |
Gemiddeld aantal werknemers in VTE
Aantal daadwerkelijk gepresteerde uren
Personeelskosten
Bedrag van de voordelen bovenop het loon 1033
| Codes | P. Totaal | 1P. Mannen | 2P. Vrouwen |
|---|---|---|---|
| 1003 | |||
| 1013 | |||
| 1023 | |||
| Nr. | 0888728945 | Nyrstar | VOL-kap 10 |
|---|---|---|---|
| ----- | ------------ | --------- | ------------ |
| Codes | 1. Voltijds | 2. Deeltijds | 3. Totaal in voltijdse equivalenten |
|
|---|---|---|---|---|
| Op de afsluitingsdatum van het boekjaar | ||||
| Aantal werknemers | 105 | |||
| Volgens de aard van de arbeidsovereenkomst | ||||
| Overeenkomst voor een onbepaalde tijd | 110 | |||
| Overeenkomst voor een bepaalde tijd | 111 | |||
| Overeenkomst voor een duidelijk omschreven werk | 112 | |||
| Vervangingsovereenkomst | 113 | |||
| Volgens het geslacht en het studieniveau | ||||
| Mannen | 120 | |||
| lager onderwijs | 1200 | |||
| secundair onderwijs | 1201 | |||
| hoger niet-universitair onderwijs | 1202 | |||
| universitair onderwijs | 1203 | |||
| Vrouwen | 121 | |||
| lager onderwijs | 1210 | |||
| secundair onderwijs | 1211 | |||
| hoger niet-universitair onderwijs | 1212 | |||
| universitair onderwijs | 1213 | |||
| Volgens de beroepscategorie | ||||
| Directiepersoneel | 130 | |||
| Bedienden | 134 | |||
| Arbeiders | 132 | |||
| Andere | 133 |
| Tijdens het boekjaar |
|---|
| Gemiddeld aantal tewerkgestelde personen |
| Aantal daadwerkelijk gepresteerde uren |
| Kosten voor de vennootschap |
| Codes | 1. Uitzendkrachten | 2. Ter beschikking van de vennootschap gestelde personen |
|---|---|---|
| 150 | ||
| 151 | ||
| 152 |
Aantal werknemers waarvoor de vennootschap tijdens het boekjaar een DIMONA-verklaring heeft ingediend of die tijdens het boekjaar werden ingeschreven in het algemeen personeelsregister
Overeenkomst voor een onbepaalde tijd
Overeenkomst voor een bepaalde tijd
Overeenkomst voor een duidelijk omschreven werk
Vervangingsovereenkomst
Aantal werknemers met een DIMONA-verklaring aangegeven of een in het algemeen personeelsregister opgetekende datum waarop hun overeenkomst tijdens het boekjaar een einde nam
| Overeenkomst voor een onbepaalde tijd | ||||
|---|---|---|---|---|
| Overeenkomst voor een bepaalde tijd | ||||
| Overeenkomst voor een duidelijk omschreven werk | ||||
| Vervangingsovereenkomst | ||||
| Volgens de reden van beëindiging van de overeenkomst | ||||
| Pensioen | ||||
| Werkloosheid met bedrijfstoeslag | ||||
| Afdanking | ||||
| Andere reden | ||||
| Waarvan: | het aantal werknemers dat als zelfstandige ten minste op halftijdse basis diensten blijft |
verlenen aan de vennootschap
| Codes | 1. Voltijds | 2. Deeltijds | 3. Totaal in voltijdse equivalenten |
|---|---|---|---|
| 205 | |||
| 210 | |||
| 211 | |||
| 212 | |||
| 213 | |||
| Codes | 1. Voltijds | 2. Deeltijds | 3. Totaal in voltijdse equivalenten |
|---|---|---|---|
| 305 | |||
| 310 | |||
| 311 | |||
| 312 | |||
| 313 | |||
| 340 | |||
| 341 | |||
| 342 | |||
| 343 | |||
| 350 |
| Totaal van de formele voortgezette beroepsopleidingsinitiatieven ten laste van de werkgever |
Mannen | Codes | Vrouwen | |
|---|---|---|---|---|
| Aantal betrokken werknemers | 5811 | |||
| Aantal gevolgde opleidingsuren | 5802 | 5812 | ||
| Nettokosten voor de vennootschap | 5803 | 5813 | ||
| waarvan brutokosten rechtstreeks verbonden met de opleiding | 58031 | 58131 | ||
| waarvan betaalde bijdragen en stortingen aan collectieve fondsen | 58032 | 58132 | ||
| waarvan ontvangen tegemoetkomingen (in mindering) | 58033 | 58133 | ||
| Totaal van de minder formele en informele voortgezette beroeps opleidingsinitiatieven ten laste van de werkgever |
||||
| Aantal betrokken werknemers | 5821 | 5831 | ||
| Aantal gevolgde opleidingsuren | 5822 | 5832 | ||
| Nettokosten voor de vennootschap | 5823 | 5833 | ||
| Totaal van de initiële beroepsopleidingsinitiatieven ten laste van de werkgever |
||||
| Aantal betrokken werknemers | 5841 | 5851 | ||
| Aantal gevolgde opleidingsuren | 5842 | 5852 | ||
| Nettokosten voor de vennootschap | 5843 | 5853 |

Phone: +32 (0)2 778 01 00 Fax: +32 (0)2 771 56 56 www.bdo.be
The Corporate Village Da Vincilaan 9, Box E.6 Elsinore Building B-1930 Zaventem
Nyrstar NV
Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering over het boekjaar afgesloten op 31 December 2021
BDO Bedrijfsrevisoren BV / BTW BE 0431.088.289 / RPR Brussel BDO Réviseurs d'Entreprises SRL / TVA BE 0431.088.289 / RPM Bruxelles

The Corporate Village Da Vincilaan 9, Box E.6 Elsinore Building B-1930 Zaventem
In het kader van de wettelijke controle van de jaarrekening van Nyrstar NV (de "Vennootschap"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de jaarrekening en de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt een geheel en is ondeelbaar.
Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 24 september 2020, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2022. Wij hebben de wettelijke controle van de jaarrekening van de vennootschap uitgevoerd gedurende twee opeenvolgende boekjaren.
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de jaarrekening van de Vennootschap, die de balans op 31 December 2021 omvat, alsook de resultatenrekening van het boekjaar afgesloten op die datum en de toelichting, met een balanstotaal van 16.125.552 EUR en waarvan de resultatenrekening afsluit met een verlies van het boekjaar van 959.148 EUR.
Naar ons oordeel geeft de jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de financiële toestand van de Vennootschap per 31 December 2021, alsook van haar resultaten over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel.
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
BDO Bedrijfsrevisoren BV / BTW BE 0431.088.289 / RPR Brussel BDO Réviseurs d'Entreprises SRL / TVA BE 0431.088.289 / RPM Bruxelles

Zonder afbreuk te doen aan het hierboven tot uitdrukking gebrachte oordeel, vestigen wij de aandacht op toelichting VOL-kap 6.20 (sectie "Discontinuïteit") van de jaarrekening, waar de Vennootschap toelicht dat de jaarrekening werd opgesteld in discontinuïteit en haar oordeel geeft over de liquiditeitspositie.
Zonder afbreuk te doen aan het hierboven tot uitdrukking gebrachte oordeel, vestigen wij de aandacht op toelichting VOL-kap 6.19 en VOL-kap 6.20 van de jaarrekening, waaruit blijkt dat de Vennootschap en haar bestuurders verwikkeld zijn in significante lopende juridische geschillen.
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.
Ten gevolge de buitengewone algemene vergadering van 9 december 2019, waarin de aandeelhouders beslist hebben om de activiteiten niet verder te zetten, heeft de Vennootschap een voorziening voor
liquidatie aangelegd welke de kosten inschat die de Vennootschap verwacht te dragen tot de voltooiing van de liquidatie. Deze voorziening bedraagt 9 miljoen Euro (10,8 miljoen Euro per 31 december 2020). Wij beschouwen deze voorziening als een kernpunt van onze controle, omdat zij in belangrijke mate beoordelingen en inschattingen van de Vennootschap vereist, zowel met betrekking tot de verwachte toekomstige kosten als de verwachte duur van de liquidatieperiode.
Wij hebben onder meer volgende audit werkzaamheden uitgevoerd met betrekking tot de voorziening voor liquidatiekosten:
NYRSTAR NV:

De Vennootschap heeft significante buitenbalans rechten en verplichtingen en onzekerheden. Deze omvatten voornamelijk lopende contracten ten gevolge van de herstructurering van de Vennootschap zoals de 'put option deed'. Bovendien zijn de vennootschap en haar bestuurders betrokken partij in meerdere juridische geschillen.
Wij beschouwen deze toelichtingen als een kernpunt van onze controle, omdat zij essentieel zijn voor een goed begrip van de financiële positie, de onzekerheden en de risico's van de Vennootschap. Bovendien heeft de controle van de accuraatheid en volledigheid van deze toelichtingen belangrijke auditinspanningen gevergd.
Wij hebben onder meer volgende audit werkzaamheden uitgevoerd:
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Vennootschap om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om
de Vennootschap te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering over het boekjaar afgesloten op 31 december 2021 3.

Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader dat van toepassing is op de controle van de jaarrekening in België na. Een wettelijke controle biedt evenwel geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de Vennootschap, noch omtrent de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de Vennootschap ter hand heeft genomen of zal nemen. Onze verantwoordelijkheden inzake de door het bestuursorgaan gehanteerde
discontinuïteitsveronderstelling staan hieronder beschreven.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
NYRSTAR NV:
Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering over het boekjaar afgesloten op 31 december 2021 4.

• het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening, en van de vraag of de jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld.
Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.
Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag en van de documenten die overeenkomstig de wettelijke en reglementaire voorschriften dienen te worden neergelegd, voor het naleven van de wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften die van toepassing zijn op het voeren van de boekhouding, alsook voor het naleven van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en van de statuten van de Vennootschap.
In het kader van onze controle en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm (herziene versie 2020) bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag en bepaalde documenten die overeenkomstig de wettelijke en reglementaire voorschriften dienen te worden neergelegd, alsook de naleving van bepaalde verplichtingen uit het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en van de statuten te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig de artikelen 3:5 en 3:6 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.

In de context van onze controle van de jaarrekening, zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen in de controle, of het jaarverslag een afwijking van materieel belang bevat, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, dienen wij u geen afwijking van materieel belang te melden.
Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de jaarrekening verricht, en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Vennootschap.
Wij hebben ook, overeenkomstig de norm inzake de controle van de overeenstemming van de financiële overzichten met het Europees uniform elektronisch formaat (hierna "ESEF"), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 (hierna: "Gedelegeerde Verordening").
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen, in overeenstemming met de ESEF vereisten, van de financiële overzichten in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat (hierna "financiële overzichten") opgenomen in het jaarlijks financieel verslag.
Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwende informatie te verkrijgen om te concluderen dat het formaat van de digitale financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het formaat van de digitale financiële overzichten opgenomen in het jaarlijks financieel verslag van Nyrstar NV per 31 December 2021 in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met de ESEFvereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
NYRSTAR NV:
Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering over het boekjaar afgesloten op 31 december 2021 6.

Zaventem, 12 april 2022
Gert Claes Digitaal ondertekend door Gert Claes (Signature) DN: cn=Gert Claes (Signature), c=BE (Signature)
BDO Bedrijfsrevisoren BV Commissaris Vertegenwoordigd door Gert Claes Bedrijfsrevisor
Nyrstar NV ("Nyrstar" of de "Vennootschap") heeft deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur opgesteld in overeenstemming met de Belgische Corporate Governance Code van 9 mei 2019 (de "Belgische Corporate Governance Code") voor dit boekjaar, dat eindigt op 31 december 2021.
Deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur is opgenomen in het verslag van de Raad van Bestuur over de enkelvoudige jaarrekening voor het boekjaar dat werd afgesloten op 31 december 2021 in overeenstemming met artikel 3:6, §2 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen ("WVV").
De Vennootschap heeft een Corporate Governance Charter aangenomen in overeenstemming met de Belgische Corporate Governance Code, rekening houdend met alle omstandigheden, met inbegrip van de huidige activiteiten van de Vennootschap en het statuut van de Vennootschap als houdstervennootschap na de voltooiing van de herstructurering die op 15 april 2019 door de Vennootschap werd aangekondigd en op 31 juli 2019 werd voltooid (de "Herstructurering") en het feit dat de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders van de Vennootschap op 9 december 2019 de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap heeft verworpen (het "Besluit van 9 december") en de verschillende procedures waarin de Vennootschap momenteel betrokken is. De Vennootschap past de tien corporate governance principes toe die zijn opgenomen in de Belgische Corporate Governance Code. De Vennootschap voldoet ook aan de bepalingen vastgelegd in de Belgische Corporate Governance Code, behalve zoals hieronder uitgelegd. De Raad van Bestuur is van plan de bepalingen van de Belgische Corporate Governance Code voortdurend te evalueren om zich ervan te vergewissen dat eventuele afwijkingen gerechtvaardigd blijven in de omstandigheden van de Vennootschap.
In 2019, na de Herstructurering, verlieten alle leden, inclusief de CEO, het Managementcomité, werd het Managementcomité ontbonden en had de Vennootschap geen werknemers meer in dienst. Gelet op de huidige activiteiten van de Vennootschap, gerelateerd aan haar werking als houdstervennootschap en de verschillende procedures waarin de Vennootschap momenteel betrokken is, en rekening houdend met het Besluit van 9 december, is de Raad van Bestuur van mening dat er momenteel geen management- of uitvoerende functies zijn die binnen Nyrstar moeten worden uitgevoerd door een CEO, Managementcomité, uitvoerend management of werknemer en acht het daarom in het belang van de Vennootschap om de activiteiten voort te zetten en geen nieuwe CEO te zoeken en toe te voegen, noch enig ander lid van het Managementcomité of uitvoerend management of werknemer (zie ook hieronder). In de mate dat de afwezigheid van een CEO, Managementcomité, uitvoerend management en/of een werknemer een afwijking vormt op enige bepaling van de Belgische Corporate Governance Code, zoals de bepalingen 2.3, 2.5, 2.6, 2.9, 2. 10, 2.11, 2.12, 2.14, 2.19 tot 2.24, 3.14, 3.16, 3.20, 4.6, 4.12, 4.18, 4.21, 4.23, 5.1, 7.9 tot 7.12 voor zover deze bepalingen betrekking hebben op het uitvoerend management of de CEO, wordt dit verklaard door de elementen die in deze paragraaf worden uiteengezet. Dit verklaart ook het ontbreken van een gedragscode die tot 2019 bestond, wat kan worden beschouwd als een afwijking van bepaling 2.18, dit alles terwijl de Raad van Bestuur zijn activiteiten en de bedrijfsdoelstellingen van de Vennootschap uitvoert volgens de strengste ethische normen en principes.
Bovendien heeft de Vennootschap, in afwijking van bepaling 4.14 van de Belgische Corporate Governance Code, niet langer een onafhankelijke interne auditfunctie. Deze afwijking wordt verklaard door de huidige activiteiten en omstandigheden van de Vennootschap, zoals hierboven beschreven. Het auditcomité ziet toe op de noodzaak om een onafhankelijke interne auditfunctie op te richten en zal, waar nodig, een beroep doen op externe personen om specifieke interne auditopdrachten uit te voeren en zal de Raad van Bestuur op de hoogte brengen van het resultaat van deze opdrachten.
Voorts zou, overeenkomstig bepaling 7.6 van de Belgische Corporate Governance Code, een niet-uitvoerend lid van de raad van bestuur een deel van zijn of haar remuneratie in de vorm van aandelen van de Vennootschap moeten ontvangen. Gelet op het Besluit van 9 december en de overige omstandigheden van de Vennootschap, wijkt de Vennootschap af van deze bepaling.
Het Corporate Governance Charter beschrijft de belangrijkste aspecten van de corporate governance van de Vennootschap, met inbegrip van haar bestuursmodel, de bepalingen omtrent de Raad van Bestuur en zijn Comités en andere belangrijke onderwerpen.
Waaruit goede corporate governance precies bestaat, evolueert met de veranderende omstandigheden van een vennootschap en met de standaarden voor corporate governance wereldwijd. De corporate governance moet aangepast zijn aan deze veranderende omstandigheden. De Raad van Bestuur heeft de intentie om het Corporate Governance Charter zo vaak als nodig aan te passen om de veranderingen weer te geven in de corporate governance van de Vennootschap. In het licht van de toepasselijkheid van de Belgische Corporate Governance Code vanaf 1 januari 2020, de huidige activiteiten van de Vennootschap, het statuut van de Vennootschap als houdstervennootschap en het Besluit van 9 december, heeft de Vennootschap in 2020 ook haar Corporate Governance Charter herzien. Het Corporate Governance Charter kan geraadpleegd worden op de website van de Vennootschap (www.nyrstar.be). De Raad van Bestuur keurde het initiële charter op 5 oktober 2007 goed. Er werden aangepaste versies van het charter goedgekeurd op verschillende momenten. De huidige versie werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 3 december 2020. Een kopie van de Belgische Corporate Governance Code kan geraadpleegd worden op www.corporategovernancecommittee.be.
Nyrstar had een gedragscode aangenomen voor al het personeel en alle vestigingen van Nyrstar, die werd toegepast tot de voltooiing van de Herstructurering. Na de voltooiing van de Herstructurering heeft de Vennootschap geen personeel of sites en heeft het slechts een deelneming van 2% in de operationele groep van Nyrstar. Op de datum van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur wordt de gedragscode dus niet meer door de Vennootschap toegepast.
| Naam | Voornaamste Functie binnen de Vennootschap |
Aard van het Bestuursmandaat |
Begin van de Termijn |
Einde van de Termijn |
|---|---|---|---|---|
| Martyn Konig | Voorzitter | Niet-Uitvoerend | 2015 | 2023 |
| Carole Cable(1) | Bestuurder | Niet-Uitvoerend, Onafhankelijk |
2017 | 2025 |
| Anne Fahy | Bestuurder | Niet-Uitvoerend, Onafhankelijk |
2016 | 2024 |
| Jane Moriarty | Bestuurder | Niet-Uitvoerend, Onafhankelijk |
2019 | 2023 |
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de huidige leden van de Raad van Bestuur van de Vennootschap en de duurtijd van hun mandaat:
(1) Carole Cable, onafhankelijk bestuurder, werd herbenoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 29 juni 2021.
Martyn Konig, niet-uitvoerend voorzitter, werd in april 2016 tot voorzitter van de Raad van Bestuur benoemd. Tussen 18 januari 2019 en 31 juli 2019 kwam de heer Konig niet meer in aanmerking als onafhankelijk bestuurder in de zin van artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen omwille van zijn uitvoerende rol binnen de Vennootschap. Hij is tevens nietuitvoerend bestuurder van Euromax Resources Ltd (sinds mei 2012). De heer Konig is adviseur van T Wealth Management
SA, dat sinds juni 2015 afgesplitst is van Galena Asset Management (een dochtervennootschap van Trafigura). Voorheen, sinds 2008, was hij uitvoerend voorzitter en voorzitter van European Goldfields tot aan de overname door Eldorado Gold Corp voor 2,5 miljard USD in 2012. Hij was ook gedurende 15 jaar een van de belangrijkste bestuurders van NM Rothschild and Sons Ltd. en bekleedde senior functies bij Goldman Sachs en UBS. De heer Konig is advocaat en eveneens een Fellow van het Chartered Institute of Bankers.
Carole Cable, niet-uitvoerend bestuurder, is thans partner van de Brunswick Group, een internationaal communicatiebureau, waar ze het co-hoofd is van de energie- en grondstoffenpraktijk met specialisatie in de metalen- en mijnbouwsector. Vóór haar huidige positie werkte zij bij Credit Suisse en JPMorgan, waar ze analist was voor de mijnbouw, en werd daarna actief in de institutionele equity sales voor de wereldwijde mijnbouwsector evenals Azië (ex Japan). Daarvoor heeft ze ook voor een Australisch beursgenoteerd mijnbouwbedrijf gewerkt. Zij is lid van het Auditcomité en het Benoemings- en Remuneratiecomité. Zij heeft een diploma Bachelor of Science van de Universiteit van New South Wales, Australië en is op heden lid van de Board of Women in Mining UK en CQS Natural Resources Growth and Income plc.
Anne Fahy, niet-uitvoerend bestuurder, zetelt momenteel in de raad van bestuur van SThree Plc en is voorzitter van het auditcomité van SThree Plc. Verder zetelt zij in de raad van bestuur en is zij voorzitter van het Audit and Risk Committee van Coats Group Plc (sinds 1 maart 2018). Zij is tevens een Trustee van Save the Children. Voorheen was zij Chief Financial Officer van BP's Aviation Fuels business, waar zij gedurende 27 jaren werkte in verschillende financiële en financieel gerelateerde functies. Zij is de voorzitter van het Auditcomité en lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité. Zij is een Fellow van het Institute of Chartered Accountants in Ierland en werkte voor KPMG in Ierland en Australië voordat ze bij BP startte in 1988. Zij behaalde een diploma Bachelor of Commerce van de University College Galway, Ierland.
Jane Moriarty, niet-uitvoerend bestuurder, zetelt momenteel in de raden van bestuur van The Quarto Group Inc, als Senior Independent Director en Audit Voorzitter; NG Bailey Group Limited als Audit en Risk Voorzitter, de Martin's Property Group als Waarnemend Voorzitter, Audit en Risk Voorzitter en Remuneratie Voorzitter en Mitchells & Butlers plc. Voorheen was zij een Senior Restructuring Partner bij KPMG LLP in Groot-Brittannië, waar zij 29 jaar tewerkgesteld was. Zij is lid van het Auditcomité en voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité. Zij is een Fellow van het Institute of Chartered Accountants in Ierland en heeft een bachelor in Business Studies van het Trinity College in Dublin.
Het zakenadres voor alle bestuurders in het kader van de uitoefening van hun bestuursmandaat is Zinkstraat 1, 2490 Balen, België.
Anthony Simms, Hoofd Juridische en Externe Zaken van de Vennootschap, is met ingang van 6 november 2019 benoemd tot interim-secretaris van de Vennootschap.
De secretaris van de Vennootschap adviseert de Raad van Bestuur over alle bestuursaangelegenheden en brengt verslag uit aan de Raad van Bestuur over hoe de procedures worden nageleefd en of de Raad van Bestuur handelt in overeenstemming met zijn verplichtingen krachtens de wet en de statuten. De rol van de secretaris van de Vennootschap omvat het verzekeren, onder toezicht van de voorzitter, van een goede informatiestroom binnen de Raad van Bestuur en zijn comités, en tussen het management en de bestuurders, alsmede het faciliteren van de introductie en het assisteren bij de professionele ontwikkeling waar nodig. Hij of zij staat de Voorzitter ook bij in de logistiek die verband houdt met de aangelegenheden van de Raad van Bestuur (informatie, agenda, enz.). De individuele bestuurders hebben rechtstreeks toegang tot de secretaris van de Vennootschap.
De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de benoeming en het ontslag van de secretaris van de Vennootschap. Hij ziet erop toe dat de persoon die wordt benoemd tot secretaris van de Vennootschap over de nodige vaardigheden en kennis beschikt op het gebied van corporate governance.
In 2019, na de Herstructurering, hebben alle leden, inclusief de CEO, het Managementcomité verlaten, werd het Managementcomité ontbonden en had de Vennootschap geen werknemers meer in dienst. Onder de voorwaarden van de overeenkomst voor de verkoop door de Vennootschap van activa en aandelen aan NN2 Newco Limited die werd uitgevoerd als onderdeel van de Herstructurering (de "Sale Deed"), worden bepaalde beperkte lopende uitvoerende diensten aan de Vennootschap geleverd door NN2 Newco Limited. Deze beperkte lopende uitvoerende diensten worden kosteloos aan de Vennootschap verleend en omvatten bepaalde financiële, fiscale, bedrijfsjuridische, IT- en administratieve diensten. Daarnaast heeft de Vennootschap in 2021 bepaalde personen aangesteld om financiële, juridische en administratieve diensten te verlenen via consultancyovereenkomsten.
Geen bestuurder:
Anders dan aangegeven in de onderstaande tabel, is geen enkele bestuurder op eender welk moment tijdens de voorbije vijf jaar lid geweest van een administratief-, management-, of toezichthoudend orgaan of vennoot in vennootschappen of maatschappen. Gedurende de vijf jaar voorafgaand aan de datum van dit verslag vervulden de bestuurders naast hun mandaat binnen Nyrstar de volgende bestuursmandaten of lidmaatschappen van administratieve-, management-, of toezichthoudende organen en/of maatschappen:
| Naam | Op heden | Verleden | |
|---|---|---|---|
| Martyn Konig | Euromax Resources Stemcour Group |
Newgold NN2 Newco Limited NN1 Newco Limited |
|
| Carole Cable | Brunswick Group Women in Mining UK CQS Natural Resources Growth and Income plc |
||
| Anne Fahy | SThree Plc Save the Children Coats Group Plc |
Interserve Plc(1) | |
| Jane Moriarty | NG Bailey Group Limited Martin's Investments Limited (en een aantal dochtervennootschappen) Martin's DevCo Limited (en een aantal dochtervennootschappen) Martin's Financial Holdings Limited (benoemingsprocedure loopt) The Quarto Group Inc (genoteerd op LSE) Mitchells & Butlers plc (genoteerd op LSE) |
Martin's Financial No 1 Ltd Martin's Financial No 2 Ltd Martin's Properties Holdings Ltd Martin's Properties (Chelsea) Limited NN2 Newco Limited Ince & Co (lid van de supervisory board) KPMG LLP NN1 Newco Limited |
(1) Interserve Plc werd in maart 2019 gereorganiseerd, waarbij haar activiteiten en activa (d.w.z. de hele groep) werden verkocht aan een nieuw opgerichte onderneming, die eigendom zal zijn van de toenmalige bestaande financierders van de groep.
De Vennootschap heeft gekozen voor een monistische governance structuur waarbij de Raad van Bestuur het orgaan is met de ultieme beslissingsbevoegdheid. De Raad van Bestuur draagt de algemene verantwoordelijkheid voor het bestuur en de controle van de Vennootschap en is bevoegd om alle handelingen uit te voeren die noodzakelijk of nuttig worden geacht om het voorwerp van de Vennootschap te verwezenlijken. De Raad van Bestuur heeft alle bevoegdheden, behalve deze die door de wet of de statuten van de Vennootschap voorbehouden zijn aan de algemene vergadering van aandeelhouders. Ten minste om de vijf jaar moet de Raad van Bestuur beoordelen of de gekozen governance structuur nog steeds geschikt is, en zo niet, dan moet hij een nieuwe governance structuur voorstellen aan de algemene vergadering van aandeelhouders. In 2020 heeft de Vennootschap haar governance structuur herzien om ervoor te zorgen dat ze blijft voldoen aan de Belgische Corporate Governance Code, die verplicht van toepassing is op de boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2020. Gelet op haar statuut als houdstervennootschap sinds de Herstructurering en het Besluit van 9 december, wordt geoordeeld dat een monistische governance structuur volstaat.
Overeenkomstig Sectie 1.1 van het Corporate Governance Charter van de Vennootschap, bestaat de rol van de Raad van Bestuur erin het succes van de Vennootschap na te streven door leiderschap te garanderen en ervoor te zorgen dat risico's worden ingeschat en beheerd.
De Raad van Bestuur wordt bijgestaan door een aantal comités om specifieke kwesties te analyseren. De comités adviseren de Raad van Bestuur hierover, maar het nemen van beslissingen komt toe aan de Raad van Bestuur in zijn geheel (zie ook "Comités van de Raad van Bestuur" hieronder).
Na de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019, heeft de Vennootschap een deelneming van 2% in de operationele groep van Nyrstar. Als zodanig heeft de Vennootschap een passieve investering in de operationele groep van Nyrstar en is ze niet langer gehouden om steun te verlenen aan de groep. Op 31 december 2021 heeft de Vennootschap derhalve geen Chief Executive Officer of Managementcomité.
Overeenkomstig de statuten van de Vennootschap en het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen moet de Raad van Bestuur uit minstens drie bestuurders bestaan. Het Corporate Governance Charter van de Vennootschap bepaalt dat de samenstelling van de Raad van Bestuur dient te verzekeren dat beslissingen steeds in het belang van de Vennootschap genomen worden. Deze samenstelling wordt bepaald op basis van diversiteit, evenals op basis van complementaire vaardigheden, ervaring en kennis. Overeenkomstig de Belgische Corporate Governance Code moet minstens de helft van de bestuurders niet-uitvoerend zijn en moeten minstens drie bestuurders onafhankelijk zijn overeenkomstig de criteria die omschreven worden in de Belgische Corporate Governance Code. Overeenkomstig het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen moet ten minste één derde van de leden van de Raad van Bestuur van het andere geslacht zijn, waarbij het vereiste minimumaantal wordt afgerond op het dichtstbijzijnde gehele getal. Aan deze bepalingen wordt voldaan.
De bestuurders worden benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders voor een termijn van ten hoogste vier jaar. Zij kunnen worden herbenoemd voor een nieuwe termijn. Voorstellen door de Raad van Bestuur voor de benoeming of herbenoeming van bestuurders moeten gebaseerd zijn op een aanbeveling door het Benoemings- en Remuneratiecomité. Indien een bestuursmandaat vacant wordt, kunnen de bestuurders een opvolger benoemen die de opengevallen plaats tijdelijk invult tot aan de volgende algemene vergadering van aandeelhouders. De algemene vergadering van aandeelhouders kan de bestuurders op ieder moment ontslaan.
De Raad van Bestuur kiest een voorzitter onder zijn niet-uitvoerende bestuurders op basis van zijn of haar kennis, vaardigheden, ervaring en bemiddelingsvermogen. De voorzitter geeft leiding aan en zorgt voor de behoorlijke en efficiënte werking van de Raad van Bestuur.
De Raad van Bestuur komt samen telkens wanneer dat nodig is in het belang van de Vennootschap of op verzoek van één of meer bestuurders. In principe komt de Raad van Bestuur voldoende regelmatig en minstens zesmaal per jaar samen. Gezien de uitzonderlijke omstandigheden waarmee de Vennootschap in 2021 werd geconfronteerd, in verband met de verschillende brieven van minderheidsaandeelhouders, de voorbereiding van de aandeelhoudersvergaderingen, procedures en onderzoeken waarin de Vennootschap momenteel is verwikkeld, diende de Raad van Bestuur regelmatiger bijeen te komen. De beslissingen van de Raad van Bestuur worden genomen met een eenvoudige meerderheid van de uitgebrachte stemmen. De voorzitter van de Raad van Bestuur heeft een beslissende stem. In 2021 heeft de voorzitter op geen enkel moment gebruik gemaakt van zijn doorslaggevende stem en alle beslissingen van de Raad van Bestuur zijn met eenparigheid van stemmen genomen.
In de loop van 2021 werden 21 formele vergaderingen van de Raad van Bestuur gehouden. Vóór deze vergaderingen zorgt de voorzitter van de Raad van Bestuur, bijgestaan door de secretaris van de Vennootschap, ervoor dat de leden van de Raad van Bestuur correct, beknopt, tijdig en duidelijk worden geïnformeerd vóór de vergaderingen en, indien nodig, tussen de vergaderingen in, zodat zij met kennis van zaken en geïnformeerd kunnen bijdragen aan de besprekingen in de Raad van Bestuur.
De Raad van Bestuur heeft een Auditcomité en een Benoemings- en Remuneratiecomité ingesteld, die de Belgische Corporate Governance Code naleven.
Het Auditcomité bestaat uit minstens drie bestuurders. Alle leden van het Auditcomité zijn niet-uitvoerende bestuurders. Alle leden van het Auditcomité moeten niet-uitvoerende bestuurders zijn, en minstens één lid van het Auditcomité moet onafhankelijk zijn in de zin van de Belgische Corporate Governance Code. De huidige leden van het Auditcomité zijn Anne Fahy (voorzitter), Jane Moriarty en Carole Cable. De huidige samenstelling van het Auditcomité is in overeenstemming met het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen en de Belgische Corporate Governance Code.
De leden van het Auditcomité zijn collectief deskundig in de bedrijfsactiviteiten van de Vennootschap, alsook in de boekhouding, de controle en de financiën. De huidige voorzitter van het Auditcomité is deskundig op het gebied van boekhouding en controle, zoals wordt aangetoond door haar voorgaande functie als Chief Financial Officer bij BP's Aviation Fuels business. Volgens de Raad van Bestuur voldoen de andere leden van het Auditcomité ook aan deze vereiste, zoals aangetoond door de verschillende mandaten in het senior management en bestuursmandaten die zij in het verleden hebben bekleed en momenteel bekleden (zie ook "Andere Mandaten").
De opdrachten van het Auditcomité kunnen variëren naargelang de omstandigheden. Het Auditcomité heeft echter hoofdzakelijk de volgende taken (artikel 7:99 §4 WVV):
Op het gebied van financiële en boekhoudkundige informatie,
Op het gebied van audit en controle,
is het Auditcomité verantwoordelijk voor de selectieprocedure van de commissaris overeenkomstig de toepasselijke weten regelgeving en doet het aanbevelingen aan de Raad van Bestuur met betrekking tot de benoeming en vergoeding van de commissaris, die door de Raad van Bestuur verder moeten worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders;
Op het gebied van de beoordeling van risico's en risicobeheer,
Wanneer nieuwe wetgeving wordt overwogen die op korte of lange termijn aanzienlijke gevolgen zou kunnen hebben voor de rekeningen van Nyrstar, haar financiële situatie of haar inkomsten, wordt het Auditcomité op de hoogte gebracht van de implementatie en de impact ervan, en ook van de door het management goedgekeurde uitvoeringsmaatregelen. Indien nodig formuleert het hierover aanbevelingen aan de Raad van Bestuur.
Zo snel mogelijk na een vergadering van het Auditcomité presenteert de voorzitter van het Auditcomité de bevindingen en aanbevelingen van de vergadering aan alle leden van de Raad van Bestuur.
In principe komt het Auditcomité zo vaak samen als nodig voor de efficiënte werking van het Auditcomité, maar minstens tweemaal per jaar. Ten minste eenmaal per jaar dient het Auditcomité de externe auditors te ontmoeten om kwesties te bespreken betreffende de interne regels en eventuele andere kwesties die voortvloeien uit het auditproces. Zoals hieronder uiteengezet, heeft het Auditcomité de externe auditors in 2021 minstens twee keer ontmoet. De leden van het Auditcomité dienen vrije toegang te hebben tot de Interim Chief Financial Officer die zij wensen te spreken teneinde hun verantwoordelijkheden uit te voeren. Na de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019 heeft de Vennootschap, gelet op haar omstandigheden, met inbegrip van de huidige operaties van de Vennootschap en het statuut van de Vennootschap als houdstervennootschap, geen interne auditfunctie meer.
Tijdens 2021 werden vier vergaderingen van het Auditcomité gehouden.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité bestaat uit minstens drie bestuurders. Alle leden van het Benoemings- en Remuneratiecomité zijn niet-uitvoerende bestuurders. In overeenstemming met het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen, bestaat het Benoemings- en Remuneratiecomité uit een meerderheid onafhankelijke, niet-uitvoerende bestuurders. Het Benoemings- en Remuneratiecomité wordt voorgezeten door de voorzitter van de Raad van Bestuur of een andere door het Benoemings- en Remuneratiecomité benoemde niet-uitvoerende bestuurder. De volgende bestuurders zijn momenteel leden van het Benoemings- en Remuneratiecomité: Jane Moriarty (voorzitter), Carole Cable en Anne Fahy. Overeenkomstig het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen, moet het Benoemings- en Remuneratiecomité de nodige expertise over remuneratiebeleid hebben. Dit blijkt uit de ervaring en vroegere functies van de huidige leden.
De taak van het Benoemings- en Remuneratiecomité is het doen van aanbevelingen aan de Raad van Bestuur betreffende de benoeming van bestuurders en het uitvoerend management en het doen van voorstellen aan de Raad van Bestuur betreffende het remuneratiebeleid van bestuurders en het uitvoerend management.
Ingevolge de Herstructurering, het Besluit van 9 december 2019 en het feit dat de Vennootschap niet langer een Uitvoerend Management noch werknemers heeft, onderneemt het Benoemings- en Remuneratiecomité momenteel geen activiteiten met betrekking tot leden van het uitvoerend management van de Vennootschap. Bovendien onderneemt het Benoemings- en Remuneratiecomité momenteel geen activiteiten met betrekking tot het verzekeren dat gepaste programma's voor talentontwikkeling en leiderschapsdiversiteit aanwezig zijn binnen de Vennootschap.
In principe komt het Benoemings- en Remuneratiecomité zo vaak als nodig samen voor de efficiënte werking van het comité, maar minstens eenmaal per jaar.
Tijdens 2021 werden drie vergaderingen van het Benoemings- en Remuneratiecomité gehouden.
De tabel geeft een overzicht van de aanwezigheid van de leden van de Raad van Bestuur in persoon of per conference call op de vergaderingen van de Raad van Bestuur en de respectievelijke comités van de Raad van Bestuur in de loop van 2021.
| Naam | Bijgewoonde Raden van Bestuur |
Audit | Benoeming en remuneratie |
|---|---|---|---|
| Carole Cable | 20 van 21 | 4 van 4 | 3 van 3 |
| Martyn Konig | 21 van 21 | NVT | NVT |
| Anne Fahy | 21 van 21 | 3 van 3 | 3 van 3 |
| Jane Moriarty | 19 van 21 | 4 van 4 | 3 van 3 |
De onderwerpen die worden besproken tijdens de vergaderingen van de Raad van Bestuur en zijn comités liggen in lijn met de rol en verantwoordelijkheden van de Raad van Bestuur en zijn comités zoals uiteengezet in het Corporate Governance Charter, en hadden in 2021 vooral betrekking op de verschillende brieven van de minderheidsaandeelhouders, de procedures en onderzoeken waarin de Vennootschap momenteel betrokken is, de voorbereiding van de besluitvorming met betrekking tot het al dan niet uitoefenen van een putoptie die de Vennootschap heeft met betrekking tot haar (volledige) deelneming van 2% in NN2 NewCo Limited, de voorbereiding van de algemene vergaderingen van aandeelhouders van de Vennootschap en financiële informatie.
Een bestuurder komt alleen in aanmerking als onafhankelijk bestuurder als hij of zij ten minste voldoet aan de criteria die zijn vastgelegd in de Belgische Corporate Governance Code, volgens welke een onafhankelijk bestuurder aan de volgende voorwaarden moet voldoen:
• geen echtgenoot, wettelijk samenwonende partner of bloed- of aanverwanten tot de tweede graad hebben die in de vennootschap of in een daarmee verbonden vennootschap of persoon, een mandaat van bestuurder of lid van het uitvoerend management of persoon belast met het dagelijks bestuur of lid van het leidinggevend personeel (in de zin van artikel 19, 2°, van de wet van 20 september 1948 houdende organisatie van het bedrijfsleven) uitoefenen, of die behoren tot de andere gevallen, hierboven beschreven, en met betrekking tot de tweede bullet, tot drie jaar nadat het betreffende familielid zijn laatste mandaat beëindigde.
Het besluit dat de bestuurder benoemt, vermeldt de redenen op basis waarvan de hoedanigheid van onafhankelijk bestuurder wordt verleend.
De Vennootschap maakt in haar jaarverslag bekend welke bestuurders onafhankelijke bestuurders zijn. Een onafhankelijke bestuurder die niet langer voldoet aan de vereisten van onafhankelijkheid moet hiervan onmiddellijk de Raad van Bestuur informeren.
Jane Moriarty, Carole Cable en Anne Fahy zijn onafhankelijke bestuurders en Martyn Konig is dat niet meer sinds hij de rol van uitvoerend voorzitter op zich heeft genomen in de aanloop naar de Herstructurering.
De Raad van Bestuur evalueert zijn eigen omvang, samenstelling en prestaties en dat van zijn comités op een voortdurende basis.
De evaluatie gaat na hoe de Raad van Bestuur en zijn comités werken, controleert dat belangrijke kwesties effectief worden voorbereid en besproken, evalueert de bijdrage en betrokkenheid van elke bestuurder en vergelijkt de huidige samenstelling van de Raad van Bestuur en de comités met de gewenste samenstelling. Deze evaluatie houdt rekening met hun algemene rol als bestuurder, en specifieke rollen als voorzitter, voorzitter of lid van een comité van de Raad van Bestuur, evenals hun relevante verantwoordelijkheden en tijdsverbintenis.
De evaluatie wordt meestal uitgevoerd door middel van individuele gesprekken tussen de leden van de Raad van Bestuur en de secretaris van de Vennootschap. Er wordt passende actie ondernomen op die punten die verbetering behoeven.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité evalueert verder regelmatig de samenstelling, de omvang en de werking van de Raad van Bestuur en de verschillende comités binnen de Raad van Bestuur. Bij de laatste evaluatie werd rekening gehouden met verschillende elementen, onder meer de samenstelling en de werking van de Raad van Bestuur en de comités, de grondigheid waarmee belangrijke onderwerpen en beslissingen worden voorbereid en besproken, de daadwerkelijke bijdrage van elke bestuurder in functie van aanwezigheid op de vergaderingen van de Raad van Bestuur en/of de comités en de constructieve betrokkenheid bij de beraadslaging en de resoluties, de evaluatie of de effectieve samenstelling overeenstemt met de gewenste of ideale samenstelling, de toepassing van de corporate governance regels binnen de Vennootschap en haar organen, en een evaluatie van de specifieke rollen zoals de voorzitter van de Raad van Bestuur en de voorzitter of het lid van een comité binnen de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur neemt actie op basis van de resultaten van de prestatieevaluatie. In 2021 oordeelde de Raad van Bestuur dat er geen wijzigingen nodig waren, mede gelet op de gedetailleerde evaluatie in 2020.
Zie "Managementcomité" hierboven.
Van de bestuurders wordt verwacht dat zij hun persoonlijke en zakelijke aangelegenheden zo regelen dat belangenconflicten met de Vennootschap worden vermeden. Elke bestuurder met een tegenstrijdig financieel belang (zoals bedoeld in artikel 7:96 WVV) bij een beslissing of verrichting die aan de Raad van Bestuur wordt voorgelegd, moet dit onder de aandacht
brengen van zijn medebestuurders en zijn verklaringen over de aard van het belangenconflict worden opgenomen in de notulen van de vergadering van de Raad van Bestuur. De bestuurder met een tegenstrijdig financieel belang mag niet deelnemen aan de beraadslaging of de stemming over een dergelijke beslissing of verrichting. De Raad van Bestuur neemt in de notulen ook een beschrijving op van de aard van de betrokken beslissing of verrichting en de financiële gevolgen ervan voor de Vennootschap. Dit deel van de notulen wordt integraal opgenomen in het jaarverslag van de Vennootschap. De notulen worden ook gedeeld met de commissaris van de Vennootschap die de financiële gevolgen van dergelijke beslissingen beschrijft in zijn verslag op grond van artikel 3:74 WVV.
Bij het begin van elke vergadering van de Raad van Bestuur (of vergadering van een comité van de Raad van Bestuur) verklaren de bestuurders of zij menen dat zij een belangenconflict hebben zoals bepaald in artikel 7:96 WVV met betrekking tot de agendapunten.
Elke bestuurder handelt zonder conflict en stelt steeds het belang van Nyrstar boven zijn/haar persoonlijk belang. Elke bestuurder regelt zijn/haar persoonlijke en zakelijke aangelegenheden zodanig dat directe en indirecte belangenconflicten met Nyrstar worden vermeden. De bestuurders hebben de plicht om de belangen van alle aandeelhouders op een gelijkwaardige basis te behartigen. Elke bestuurder handelt volgens de principes van redelijkheid en billijkheid. Alle bestuurders brengen de Raad op de hoogte van belangenconflicten die zich volgens hen kunnen voordoen en die hun beoordelingsvermogen zouden kunnen beïnvloeden.
Elke bestuurder moet in het bijzonder aandacht hebben voor belangenconflicten die kunnen ontstaan tussen Nyrstar, haar bestuurders, haar belangrijke of controlerende aandeelhouder(s) en andere aandeelhouders. De bestuurders die door belangrijke of controlerende aandeelhouder(s) worden voorgedragen, moeten ervoor zorgen dat de belangen en intenties van deze aandeelhouder(s) voldoende duidelijk zijn en tijdig aan de Raad van Bestuur worden meegedeeld.
De Raad van Bestuur moet zo handelen dat een belangenconflict, of de schijn van een dergelijk conflict, wordt vermeden. In het mogelijke geval van een belangenconflict moet de Raad van Bestuur, onder leiding van zijn voorzitter, beslissen welke procedure het zal volgen om de belangen van Nyrstar en al zijn aandeelhouders te beschermen. In het volgende jaarverslag moet de Raad van Bestuur uitleggen waarom het voor deze procedure heeft gekozen. Wanneer er echter een wezenlijk belangenconflict is, moet de Raad van Bestuur zorgvuldig overwegen om zo snel mogelijk te communiceren over de gevolgde procedure, de belangrijkste overwegingen en de conclusies.
Indien van toepassing moeten de regels en procedures van artikel 7:96 en 7:97 WVV worden nageleefd.
Er zijn geen uitstaande leningen die werden toegekend door de Vennootschap aan de personen vermeld in "Raad van Bestuur", noch zijn er garanties geleverd door de Vennootschap ten voordele van de personen vermeld in "Raad van Bestuur".
Geen van de personen vermeld in "Raad van Bestuur" heeft een familiale verwantschap met de andere personen vermeld in "Raad van Bestuur".
Teneinde marktmisbruik te voorkomen (handel met voorkennis en marktmanipulatie) heeft de Raad van Bestuur een dealing code opgesteld. De dealing code beschrijft de verplichtingen qua bekendmaking en gedrag van de bestuurders en bepaalde andere personen met betrekking tot transacties in aandelen of andere financiële instrumenten van de Vennootschap. De dealing code legt beperkingen op aan transacties in aandelen van de Vennootschap en staat de verhandeling ervan door de bovengenoemde personen enkel toe gedurende bepaalde periodes. Een kopie van de dealing code is beschikbaar op de website van de Vennootschap (www.nyrstar.be).
De Raad van Bestuur van Nyrstar is verantwoordelijk voor de beoordeling van de doeltreffendheid van de interne controles van Nyrstar. De Vennootschap kiest voor een proactieve aanpak inzake risicobeheer. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk om ervoor te zorgen dat de aard en omvang van de risico's tijdig geïdentificeerd worden in overeenstemming met de strategische doelstellingen en activiteiten van de Groep.
Het Auditcomité speelt een belangrijke rol in het monitoren van de doeltreffendheid van het Risk Management Framework en is een belangrijk medium om risico's onder de aandacht van de Raad van Bestuur te brengen. Indien een kritiek risico of probleem wordt geïdentificeerd door de Raad van Bestuur of het management, kan het nuttig zijn om alle bestuurders te laten deelnemen in het relevante risicobeheerproces.
De systemen voor interne controle en risicobeheer van de Vennootschap vereisen een regelmatige evaluatie van de doeltreffendheid van dergelijke interne controles om te verzekeren dat de risico's van de Vennootschap adequaat worden beheerd. De systemen voor interne controle en risicobeheer van de Vennootschap zijn ontworpen om de doelstellingen van de Vennootschap te behalen.
Efficiënt risicobeheer laat de Vennootschap toe om een geschikte balans te bereiken tussen het realiseren van opportuniteiten en daarbij het minimaliseren van nadelige effecten.
Dit onderdeel geeft een overzicht van de belangrijkste kenmerken van de systemen voor interne controle en risicobeheer van de Vennootschap die momenteel van kracht zijn na de voltooiing van de Herstructurering.
De systemen voor interne controle en risicobeheer van de Vennootschap zijn gericht op de volgende hoofdprincipes:
Inzicht in de interne en externe bedrijfsomgeving en het effect daarvan op de bedrijfsstrategie en plannen van Nyrstar. Dit verschaft informatie betreffende de algemene risicotolerantie van de Vennootschap.
2 Consistente methodes voor risico-identificatie en -analyse, bestaande controles en de doeltreffendheid van de controles
Implementatie van systemen en processen voor de consistente identificatie en analyse van risico's, bestaande controles en de doeltreffendheid van de controles. Beoordelen of het aanvaarde risiconiveau in overeenstemming is met de voor het Auditcomité aanvaardbare risiconiveaus.
Het gebruik van innovatief en creatief denken bij het reageren op risico's en het nemen van maatregelen wanneer wordt vastgesteld dat de Vennootschap wordt blootgesteld aan onaanvaardbare risiconiveaus.
Het betrekken van alle Nyrstar-belanghebbenden, zoals aandeelhouders, bij het beheren van risico's en het communiceren van de belangrijkste geïdentificeerde risico's en controles.
Het regelmatig monitoren en evalueren van het Risk Management Framework van Nyrstar, de risico's en de doeltreffendheid van controles van Nyrstar.
De kritische interne controles van Nyrstar die tot aan de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019 van kracht waren, zijn niet langer van toepassing gezien de rol van de Vennootschap als houdstervennootschap na de Herstructurering en gezien het feit dat er geen werknemers of activiteiten zijn. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor alle controle en besluitvorming en heeft deze controles aangepast aan de huidige omstandigheden.
De Raad van Bestuur past echter nog steeds de principes van deugdelijk bestuur toe in al zijn besluitvorming. De Raad van Bestuur voert zijn activiteiten en bedrijfsdoelstellingen uit volgens de strengste ethische normen en principes.
Nyrstar gebruikt een uitgebreide standaard voor financiële rapportering. De standaard is in overeenstemming met het toepasselijke Belgische boekhoudkundig referentiestelsel en toepasselijke Belgische wetgeving. De doeltreffendheid en naleving van de standaard voor financiële rapportering wordt consequent bijgewerkt en gemonitord door het Auditcomité.
Om een geschikte financiële planning en opvolging te verzekeren, wordt de financiële budgetprocedure die de planning beschrijft, de kwantificatie, de implementatie en de validatie van het budget in lijn met de voorspellingen, van dichtbij opgevolgd.
Nyrstar blijft de financiële resultaten halfjaarlijks aan haar aandeelhouders communiceren, maar dit wordt niet langer op kwartaalbasis aangevuld met tussentijdse managementverklaringen.
De Vennootschap wijdt zich aan voortdurende controle en verbetering van haar beleid, systemen en procedures.
De Vennootschap heeft een relatief ruime basis van aandeelhouders gevestigd in verschillende rechtsgebieden. Het percentage vrij verhandelbare aandelen van de Vennootschap op datum van dit rapport bedraagt 60,49%.
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de aandeelhouders die kennisgevingen hebben gedaan aan de Vennootschap krachtens de toepasselijke kennisgevingsregels tot op de datum van dit rapport. Hoewel de toepasselijke kennisgevingsregels vereisen dat een kennisgeving moet gedaan worden door elke persoon die onder of boven de toepasselijke drempels daalt of stijgt, is het mogelijk dat de informatie hieronder met betrekking tot een aandeelhouder niet langer up-to-date is.
| Datum Kennisgeving | % van de stemrechten gekoppeld aan de aandelen voor de verwatering(1) |
% van de stemrechten gekoppeld aan de aandelen op een volledig verwaterde basis |
|
|---|---|---|---|
| Urion Holdings (Malta) Ltd(2) | 18 januari 2019 | 24,42% | 24,42% |
| Kris Vansanten, Kris BEE INSPIRED BV, Quanteus Group BV, een niet-genoemd natuurlijk persoon, E3V & Partners BV, een ander niet-genoemd natuurlijk persoon, Etimar BV, vier andere niet-genoemde natuurlijke personen, Galina maatschap drie andere niet-genoemde natuurlijke personen, Toxon NV, Group Minerva NV, een ander niet-genoemd natuurlijk persoon, Querinjean BV, een ander niet-genoemd natuurlijk persoon, Spanassur BV, twee andere niet-genoemde natuurlijke personen, Martens-De Vuyst maatschap, een ander niet-genoemd natuurlijk persoon, |
28 december 2021 | 15,09% | 15,09% |
Opmerkingen:
De bovengenoemde aandeelhouders hebben geen bijzondere stemrechten of zeggenschapsrechten.
Geen andere aandeelhouders, alleen of in onderling overleg met andere aandeelhouders, hebben de Vennootschap kennis gegeven omtrent een deelname of een overeenkomst om in onderling overleg te handelen met betrekking tot 3% of meer van de huidige totaal bestaande stemrechten gekoppeld aan de stemrecht verlenende effecten van de Vennootschap.
Op de datum van dit verslag bedraagt het kapitaal van de Vennootschap EUR 114.134.760,97 en is het volledig volgestort. Het wordt vertegenwoordigd door 109.873.001 gewone aandelen, die elk een fractiewaarde vertegenwoordigen van (afgerond) EUR 1,04 en die één 109.873.001ste van het kapitaal vertegenwoordigen. De aandelen van de Vennootschap hebben geen nominale waarde.
De aandelen van de Vennootschap kunnen de vorm aannemen van aandelen op naam en gedematerialiseerde aandelen. Alle aandelen van de Vennootschap zijn volledig volgestort en vrij overdraagbaar.
De aandelen van de Vennootschap hebben geen nominale waarde, maar geven dezelfde fractie weer van het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap, dat in euro uitgedrukt wordt.
Elke aandeelhouder van de Vennootschap heeft recht op één stem per aandeel. Aandeelhouders mogen bij volmacht stemmen, onderworpen aan de regels beschreven in de statuten van de Vennootschap.
Stemrechten kunnen voornamelijk worden opgeschort met betrekking tot aandelen:
Overeenkomstig het Belgische Wetboek van vennootschappen en verenigingen worden de stemrechten opgeschort die verbonden zijn aan de aandelen die door de Vennootschap worden gehouden.
Alle aandelen hebben een gelijk recht om deel te nemen in de (eventuele) winsten van de Vennootschap. Krachtens het Belgische Wetboek van vennootschappen en verenigingen kunnen de aandeelhouders op de jaarvergadering in principe met een eenvoudige meerderheid van stemmen beslissen over de uitkering van de winsten, op basis van de meest recente enkelvoudige geauditeerde jaarrekening, opgesteld overeenkomstig de in België algemeen aanvaarde boekhoudkundige principes en op basis van een (niet-bindend) voorstel van de Raad van Bestuur van de Vennootschap. De statuten van de Vennootschap kennen de Raad van Bestuur ook de bevoegdheid toe om interim dividenden goed te keuren, mits naleving van de bepalingen en voorwaarden van het Belgische Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
Het vermogen van de Vennootschap om dividenden uit te keren hangt af van de beschikbaarheid van voldoende uitkeerbare winsten zoals bepaald in het kader van de Belgische wetgeving op basis van de enkelvoudige jaarrekening van de Vennootschap. Meer bepaald mogen dividenden alleen worden uitgekeerd als na de goedkeuring en uitgifte van de dividenden het bedrag van het nettoactief van de Vennootschap op de datum van de afsluiting van het laatste boekjaar zoals dit voortvloeit uit de enkelvoudige (niet-geconsolideerde) jaarrekening (d.w.z., samengevat, het bedrag van de activa zoals blijkt uit de balans, verminderd met voorzieningen en schulden, dit alles opgesteld overeenkomstig de Belgische boekhoudkundige regels), verminderd met de niet-afgeschreven kosten van oprichting en uitbreiding en de niet-afgeschreven kosten voor onderzoek en ontwikkeling, niet is gedaald of door de uitkering zal dalen beneden het bedrag van het volgestorte maatschappelijk kapitaal (of, indien hoger, het opgevraagde kapitaal), verhoogd met het bedrag van de niet-uitkeerbare reserves. Daarnaast moet voor de uitkering van dividenden, 5% van de nettowinsten worden toegewezen aan een reservefonds, totdat het reservefonds 10% van het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap bedraagt. De wettelijke reserve van de Vennootschap voldoet momenteel aan deze vereiste.
In het licht van de Herstructurering heeft de Raad van Bestuur beslist om de aandeelhouders geen uitkering voor het boekjaar 2021 voor te stellen. Eventuele toekomstige dividenden of andere uitkeringen zullen afhangen van eventuele uitkeringen aan de Vennootschap op (of opbrengsten uit een mogelijke verkoop van) de 2%-participatie die de Vennootschap houdt in de Operationele Groep via het ene B Gewone Aandeel dat de Vennootschap houdt in NN2 Newco Limited en de financiële situatie waarin de Vennootschap zich op dat moment bevindt, met inbegrip van elementen zoals terugbetalingsverplichtingen in het kader van haar leningen.
In overeenstemming met de diversiteitsvereisten bepaald door het Belgische Wetboek van vennootschappen en verenigingen, is ten minste een derde van de leden van de Raad van Bestuur van Nyrstar van het andere geslacht.
De Vennootschap verschaft de volgende informatie in overeenstemming met artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007:
Er werd geen overnamebod gedaan door derden met betrekking tot het vermogen van de Vennootschap tijdens het vorige en het huidige boekjaar.
De Gewone Algemene Vergadering zal plaatsvinden op 28 juni 2022. Tijdens deze vergadering zullen de aandeelhouders worden gevraagd om onder andere volgende besluiten in overweging te nemen, waar nodig, en goed te keuren:
De Vennootschap stelt een remuneratieverslag op met betrekking tot de remuneratie van de bestuurders. Dit remuneratieverslag maakt deel uit van de Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur, hetgeen een onderdeel is van het jaarverslag. Het remuneratieverslag wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gewone algemene vergadering van aandeelhouders ("GAV").
Nyrstar's remuneratiebeleid is ontworpen om:
De aan de leden van de Raad van Bestuur en de andere personen belast met de leiding toegekende remuneratie is aanzienlijk gewijzigd na de implementatie van de herstructurering zoals aangekondigd door de Vennootschap op 15 april 2019 en voltooid op 31 juli 2019 (de "Herstructurering").
Alle leden van het Uitvoerend Management waren werknemers van Nyrstar Sales & Marketing AG, een juridische entiteit die deel uitmaakt van de operationele groep die bij de Herstructurering werd overgedragen aan NN2 Newco Limited. Onmiddellijk na de Herstructurering had de Vennootschap geen Uitvoerend Management noch werknemers meer.
Op de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders die door de Vennootschap op 9 december 2019 werd gehouden om te beraadslagen over de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap, verwierpen de aandeelhouders de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap. De Vennootschap was daarom gehouden om een buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders bijeen te roepen om formeel te beraadslagen over de ontbinding van de Vennootschap. Bepaalde minderheidsaandeelhouders hebben dan een kortgedingprocedure ingeleid op 27 april 2020 voor de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen om een college van deskundigen te laten aanstellen overeenkomstig artikel 7:160 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Als gevolg van de deze kortgedingprocedure en op verzoek van dezelfde minderheidsaandeelhouders, heeft de Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank Antwerpen op 26 juni 2020 geoordeeld dat de beslissing over de ontbinding van de Vennootschap uitgesteld moet worden tot drie maanden nadat er een in kracht van gewijsde gegane beslissing zal zijn gewezen in deze kortgedingprocedure over de aanstelling van een college van deskundigen(zie https://www.nyrstar.be/nl/investors/restructuring/summary-of-ongoing-proceedings voor een overzicht van procedures).
Dit remuneratieverslag weerspiegelt de remuneratie-praktijken van de Vennootschap voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2021, rekening houdend met de uitzonderlijke omstandigheden van de Vennootschap.
Aangezien de Vennootschap in de loop van 2020 niet effectief in vereffening werd gesteld, werden stappen ondernomen om een remuneratiebeleid te implementeren overeenkomstig artikel 7:89/1 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Dergelijk remuneratiebeleid werd ter goedkeuring voorgelegd aan de algemene vergadering van aandeelhouders van 29 juni 2021 (het "Remuneratiebeleid"). Nyrstar heeft geen wijzigingen voorgesteld die moeten worden gereflecteerd in het remuneratiebeleid.
Het niveau van de vergoeding van de Raad van Bestuur wordt regelmatig getoetst aan die van vergelijkbare Europese ondernemingen en aan die van de referentie aandelenmarkt index van Euronext Brussels (BEL 20).
In de loop van 2021 werd de volgende brutoremuneratie uitbetaald aan de bestuurders, overeenkomstig de besluiten van de algemene vergadering van aandeelhouders van 27 april 2011, zoals van tijd tot tijd gewijzigd en aangevuld. Er wordt opgemerkt dat de onderstaande remuneratie enkel een vaste remuneratie betreft en dat het totaalbedrag van de remuneratie bijgevolg niet is opgesplitst tussen basissalaris en variabele remuneratie. Overeenkomstig de thans geldende remuneratieprincipes ontvangen niet-uitvoerende bestuurders geen variabele remuneratie en hebben zij geen recht op andere voordelen dan de gebruikelijke verzekering voor bestuurders en managers ("D&O verzekering"). Er werden geen pensioenskosten toegekend.
| Remuneratiekost | Betaald in cash | ||
|---|---|---|---|
| Martyn Konig | € 200.000 | € 200.000 | |
| Carole Cable | € 70.000 | € 70.000, hetgeen bestaat uit: | |
| - een vaste vergoeding van € 50,000 per jaar voor lidmaatschap van de Raad van Bestuur; |
|||
| - een vaste vergoeding van € 10,000 per jaar voor lidmaatschap van het Auditcomité; en |
|||
| - een vaste vergoeding van €10,000 per jaar voor lidmaatschap van het Benoemings- en Remuneratiecomité. |
|||
| Anne Fahy | € 80.000 | € 80.000, hetgeen bestaat uit: | |
| - een vaste vergoeding van € 50.000 per jaar voor lidmaatschap van de Raad van Bestuur; |
|||
| - een vaste vergoeding van € 20.000 per jaar voor voorzitterschap van het Auditcomité; en |
|||
| - een vaste vergoeding van € 10.000 per jaar voor lidmaatschap van het Benoemings- en Remuneratiecomité. |
|||
| Jane Moriarty | € 75.000 | € 75.000, hetgeen bestaat uit: | |
| - een vaste vergoeding van € 50.000 per jaar voor lidmaatschap van de Raad van Bestuur; |
|||
| - een vaste vergoeding van € 10.000 per jaar voor lidmaatschap van het Auditcomité; en |
|||
| - een vaste vergoeding van € 15.000 per jaar voor voorzitterschap van het Benoemings- en Remuneratiecomité. |
De Vennootschap heeft een gebruikelijke verzekering voor bestuurders en managers ("D&O verzekering") afgesloten. De D&O verzekering die aangegaan werd ten gunste van de bestuurders van de Vennootschap in 2021 heeft een aansprakelijkheidslimiet van € 1 miljoen in totaal. Deze verzekering werd afgesloten bij Aon tegen een kostprijs van ongeveer € 205.555. Daarnaast heeft de Vennootschap ervoor gekozen om een verlenging met 24 maanden van de ontdekkingsperiode ("discovery period") (d.i. tot 31 juli 2023) te activeren voor de D&O verzekering die in 2020 werd aangegaan ten gunste van de bestuurders van de Vennootschap met een aansprakelijkheidslimiet van € 20 miljoen in totaal. Deze verzekering werd afgesloten bij Aon tegen een bijkomende premiekost van ongeveer € 167.062.
In 2019 verlieten alle leden het Managementcomité na de voltooiing van de Herstructurering en werd het Managementcomité ontbonden. Onmiddellijk na de Herstructurering op 31 juli 2019 had de Vennootschap geen rechtstreekse werknemers meer. Onder de voorwaarden van de overeenkomst voor de verkoop door de Vennootschap van activa en aandelen aan NN2 Newco Limited die werd uitgevoerd als onderdeel van de Herstructurering (de "Sale Deed"), worden bepaalde beperkte lopende uitvoerende diensten aan de Vennootschap geleverd door NN2 Newco Limited. Deze beperkte doorlopende uitvoerende diensten worden kosteloos aan de Vennootschap verleend en omvatten bepaalde financiële, fiscale, bedrijfsjuridische, IT- en administratieve diensten. Daarnaast heeft de Vennootschap in 2021 bepaalde personen aangesteld om financiële, juridische en administratieve diensten te verlenen via consultancyovereenkomsten.
In de jaren 2016 tot 2018 keurde de algemene vergadering van aandeelhouders goed dat iedere niet-uitvoerende bestuurder die hieronder wordt opgesomd (de "In Aanmerking Komende Bestuurders"), zou worden vergoed voor zijn of haar bestuurdersmandaat voor de periode van de respectieve algemene vergadering van aandeelhouders tot de gewone algemene vergadering van aandeelhouders van het volgende jaar in de vorm van "uitgestelde aandelen" van de Vennootschap en niet in cash, onder de voorwaarden hieronder uiteengezet. De vergoeding in aandelen was voor iedere In Aanmerking Komende Bestuurder beperkt tot het gedeelte dat hieronder naast zijn of haar naam vermeld staat ("de In Aanmerking Komende Aandelenvergoeding") van de totale vergoeding die van toepassing is op het bestuurdersmandaat van de betrokken In Aanmerking Komende Bestuurder, in overeenstemming met de principes die werden bepaald door de gewone algemene vergadering van aandeelhouders van de Vennootschap gehouden op 27 april 2011 en die anders zouden worden betaald in cash ("de In Aanmerking Komende Vergoeding"). De aandelen worden niet onmiddellijk, maar onvoorwaardelijk verworven ten vroegste op (i) het einde van het bestuurdersmandaat als een In aanmerking Komende Bestuurder, of (ii) bij een controlewijziging van de Vennootschap. De aandelen worden gratis toegekend (d.i. zonder aanvullende tegenprestatie). Het aantal aandelen dat wordt toegekend aan een In Aanmerking Komende Bestuurder onder de voorwaarden van de uitgestelde aandelen zal gelijk zijn aan (i) het bedrag van de In Aanmerking Komende Aandelenvergoeding dat anders zou worden uitbetaald in cash, gedeeld door (ii) de gemiddelde slotkoers van de aandelen van de Vennootschap gedurende de 10 dagen voorafgaand aan de datum van de algemene vergadering van aandeelhouders die elke toekenning goedkeurde, waarbij het resultaat naar beneden afgerond wordt tot het dichtstbijzijnde gehele getal.
De respectievelijke In Aanmerking Komende Bestuurders en hun In Aanmerking Komende Aandelenvergoeding die werd uitbetaald in uitgestelde aandelen is als volgt: (i) Mevr. Anne Fahy: EUR 10.000 van haar In Aanmerking Komende Vergoeding; (ii) Mevr. Carole Cable: 50% van haar In Aanmerking Komende Vergoeding; en (iii) Dhr. Martyn Konig: 100% van zijn In Aanmerking Komende Vergoeding. Het Benoemings- en Remuneratiecomité van de Vennootschap was bevoegd om de toekenning verder te documenteren en om de modaliteiten en voorwaarden van de toekenning te bepalen, welke gebruikelijke aanpassingsclausules bevatten om rekening te houden met, en aanpassingen te voorzien voor, vennootschapsrechtelijke handelingen van de Vennootschap, verwaterende transacties en gelijkaardige gebeurtenissen, zoals (maar niet beperkt tot) aandelensplitsingen, omgekeerde aandelensplitsingen, fusies en splitsingen, dividenduitkeringen, andere uitkeringen op aandelen, aanbiedingen met voorkeurrecht, en inkopen van aandelen.
De Raad van Bestuur heeft geen vergoeding in uitgestelde aandelen van de Vennootschap voorgesteld voor de niet-uitvoerende bestuurders op de gewone algemene vergadering van aandeelhouders van de Vennootschap die plaatsvond op 29 juni 2021.
De Vennootschap heeft geen uitgestelde aandelen aan haar Bestuurders in 2021 toegekend. In de periode van 2016 tot 2019, werden uitgestelde aandelen toegekend aan bepaalde bestuurders zoals goedgekeurd door de respectievelijke GAV's in 2016 tot 2018. De GAV's van 2016, 2017 en 2018 kenden de volgende uitgestelde aandelen (DSU) toe aan bestuurders:
| GAV 2016 | GAV 2017 | GAV 2018 voor jaar 2018 |
GAV 2018 voor jaar 2019 |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Martyn Konig | 27.285 DSU | 37.282 DSU | 34.494 DSU | 34.361 DSU | 133.422 DSU |
| Carole Cable | 4.774 DSU | 6.524 DSU | 6.036 DSU | 6.013 DSU | 23.347 DSU |
| Anne Fahy | 1.364 DSU | 1.864 DSU | 1.725 DSU | 1.718 DSU | 6.671 DSU |
| Jane Moriarty | - | - | - | - | - |
Op 31 december 2021, had geen van de in functie zijnde bestuurders Nyrstar-aandelen in bezit.
De Vennootschap heeft momenteel geen werknemers en heeft daarom geen beschrijving gegeven van de jaarlijkse wijzigingen in de remuneratie, de jaarlijkse wijzigingen in de ontwikkeling van de prestaties van de Vennootschap en de jaarlijkse wijzigingen in de gemiddelde remuneratie van andere werknemers van de Vennootschap dan de bestuurders van de Vennootschap, noch van enige ratios in verband daarmee.
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.