Legal Proceedings Report • Apr 30, 2020
Legal Proceedings Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
Verslag van de commissaris over de staat van activa en passiva per 31 maart 2020 in het kader van het voorstel tot vrijwillige ontbinding
| 1 | BESCHRIJVING VAN DE OPDRACHT | $\overline{\mathbf{2}}$ |
|---|---|---|
| $\overline{2}$ | IDENTIFICATIE VAN DE VOORGENOMEN VERRICHTING | 3 |
| 3 | BESPREKING VAN DE STAAT VAN ACTIVA EN PASSIVA | 4 |
| 4 | UITGEVOERDE CONTROLES | 7 |
| 5 | GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM | 8 |
| 6 | BESLUIT VAN DE COMMISSARIS AAN DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING VAN NYRSTAR NV |
9 |
In het kader van het voorstel tot vrijwillige ontbinding van Nyrstar NV ("de Vennootschap") en in toepassing van artikel 2:71 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen ("WVV") hebben wij de eer u verslag uit te brengen over de opdracht die het bestuursorgaan ons heeft toevertrouwd op 6 april 2020.
Hiertoe hebben wij een controle uitgevoerd van de staat van activa en passiva van de Vennootschap per 31 maart 2020, opgesteld onder de verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan van de Vennootschap, in overeenstemming met het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel. De staat van activa en passiva is opgesteld in discontinuïteit en is als bijlage toegevoegd aan dit verslag. Onze controle omvatte steekproeven en controleprocedures die noodzakelijk werden beschouwd in de gegeven omstandigheden, met inbegrip van een algemeen nazicht van administratieve en boekhoudkundige procedures en het interne controlesysteem van de Vennootschap.
Onze opdracht, in uitvoering van artikel 2:71 van het WVV, werd uitgevoerd overeenkomstig de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België en de van toepassing zijnde controlenorm van het Instituut van de Bedrijfsrevisoren. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de staat van activa en passiva" van dit verslag.
De Vennootschap heeft haar maatschappelijke zetel te Zinkstraat 1, 2490 Balen, België. Het ondernemingsnummer van de Vennootschap is 0888.728.945.
Het geplaatst kapitaal van de Vennootschap bedraagt 114 134 761 EUR, vertegenwoordigd door 109 873 001 aandelen, zonder aanduiding van de nominale waarde. Het kapitaal is volledig geplaatst en volstort
Volgens de kennisgevingen die de Vennootschap op datum van dit verslag heeft ontvangen, zijn de aandeelhouders:
| Aandeelhouders | Aantal aandelen | |
|---|---|---|
| Urion Holdings (Malta) Ltd, een dochteronderneming van Trafigura BV | 26 830 662 | |
| Kris Vansanten en anderen die in onderling overleg handelen (1) | 8 565 526 | |
| Overige aandeelhouders | 74 476 813 | |
| Totaal | 109 873 001 |
Het bestuursorgaan zal de buitengewone algemene vergadering die zal worden gehouden op 2 juni 2020 uitnodigen te besluiten over de vrijwillige ontbinding van de Vennootschap. Dit voorstel tot besluit wordt als volgt gemotiveerd:
"Volgend op de opmaak op 27 september 2019 van haar gecontroleerde enkelvoudige jaarrekening van het boekjaar eindigend op 31 december 2018, die de bijzondere waardevermindering van de deelnemingen van de Vennootschap in al haar dochtervennootschappen (de "Operationele Groep") weergaf als gevolg van de herstructurering van de Vennootschap en van de Operationele Groep die voltooid werd op 31 juli 2019 (de "Herstructurering"), zoals verder toegelicht in het 633 Verslag (hierna gedefinieerd), heeft de raad van bestuur op 5 november 2019 een buitengewone aandeelhoudersvergadering bijeengeroepen (de "Eerste BAV") overeenkomstig voormalig artikel 633 W.Venn. (huidig artikel 7:228 WVV), met onder meer de volgende punten op de agenda:
Voormalig artikel 633 W.Venn. (huidig artikel 7:228 WVV) bepaalt dat, wanneer ten gevolge van geleden verlies het netto-actief gedaald is tot minder dan de helft van het maatschappelijk kapitaal van een vennootschap, de algemene vergadering, behoudens strengere bepalingen in de statuten, moet bijeenkomen binnen een termijn van ten hoogste twee maanden nadat het verlies is vastgesteld of had moeten worden vastgesteld om te beraadslagen en te besluiten over de ontbinding van de vennootschap en eventueel over andere in de agenda aangekondigde maatregelen. Artikel 633 W.Venn. (huidig artikel 7:228 WVV) bepaalt verder dat dezelfde verplichting geldt wanneer het netto-actief ten gevolge van geleden verlies gedaald is tot minder dan een vierde van het maatschappelijk kapitaal, met dien verstande dat de ontbinding in dat geval plaatsvindt wanneer zij wordt goedgekeurd door een vierde van de ter vergadering uitgebrachte stemmen. Gezien uit de gecontroleerde enkelvoudige jaarrekening van de Vennootschap voor het boekjaar eindigend op 31 december 2018 bleek dat als gevolg van verliezen het netto-actief van de Vennootschap (d.i., EUR 12.424.467,77) gedaald was tot minder dan een vierde van het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap (d.i., EUR 114.134.760,97), heeft de raad van bestuur een bijzonder verslag opgesteld op 3 oktober 2019 overeenkomstig voormalig artikel 633 W.Venn. (huidig artikel 7:228 WVV) waarin het voorstel werd uiteengezet om de activiteiten van de Vennootschap voort te zetten (het "633 Verslag").
Volgend op de Eerste BAV, waarop het vereiste aanwezigheidsquorum niet bereikt werd, keurden de aandeelhouders tijdens de tweede buitengewone aandeelhoudersvergadering van 9 december 2019 (de "Tweede BAV"), met identiek dezelfde agendapunten 1 t.e.m. 3 van de Eerste BAV, het voorstel van de raad van bestuur om de activiteiten van de Vennootschap voort te zetten af. Om de besluiten genomen door de Tweede BAV in het kader van de toepassing van de alarmbelprocedure overeenkomstig artikel 633 W. Venn. (huidig artikel 7:288 WVV) te implementeren, stelt de raad van bestuur thans voor om met toepassing van artikel 2:71 WVV, te beraadslagen en besluiten over de vrijwillige ontbinding en vereffening van de Vennootschap."
<sup>(1) Op basis van de transparantiekennisgeving van 16 april 2020, Kris Vansanten, Kris Vansanten BV, Quanteus Group BV, een niet verder genoemde fysieke persoon, E3V & Partners BV, een andere niet verder genoemde fysieke persoon, Etienne Schouppe BV, acht nog andere niet verder genoemde fysieke personen en Galina BV, die in onderling overleg handelen.
De staat van activa en passiva per 31 maart 2020 in bijlage werd opgesteld op basis van de principes van discontinuïteit, zoals voorgeschreven door artikel 2:71 van het WVV. De keuzes gemaakt bij de selectie van de waarderingsregels zijn door het bestuursorgaan toegelicht in de bijlage bij de staat van activa en passiva per 31 maart 2020. Vermits de jaarrekening over het boekjaar afgesloten op 31 december 2019 eveneens werd opgesteld op basis van de principes van discontinuïteit, werd door het bestuursorgaan geen vergelijking toegevoegd met een staat van activa en passiva in continuïteit.
Op 31 maart 2020 was het netto-actief van Nyrstar NV als volgt samengesteld:
| Activa |
|---|
| Financiële vaste activa |
| Vorderingen op ten hoogste één jaar |
| Overige beleggingen |
| Liquide middelen |
| Overlopende rekeningen |
| Totaal |
| Passiva |
| Voorzieningen voor risico's en kosten |
| Financiële schulden op ten hoogste één jaar |
| Handels- en overige schulden op ten hoogste één jaar |
| Overlopende rekeningen |
| Totaal |
Een samenvatting van de waarderingsregels en overige toelichtingen werden toegevoegd in bijlage bij de staat van activa en passiva per 31 maart 2020.
9 0 25 1 53
Hierna geven wij een beschrijving van de activa van de Vennootschap per 31 maart 2020:
Hierna geven wij een beschrijving van de passiva van de Vennootschap per 31 maart 2020:
Voorzieningen voor risico's en kosten bestaan uit de voorziening voor vereffeningskosten voor een bedrag van 3 591 800 EUR, zijnde de geschatte kosten die de Vennootschap verwacht te maken vóór de voltooiing van de vereffening. Zoals toegelicht in de waarderingsregels in VOL 6.19 bij de staat van activa en passiva, verwacht de Vennootschap dat de vereffeningsprocedure langer zal duren dan initieel ingeschat als gevolg van de juridische procedures waarvan de Vennootschap kennis heeft gekregen. Per 31 december 2019, ging de Vennootschap uit van een ordentelijke vereffening die voor het einde van 2020 kon worden afgerond. De Vennootschap gaat er nu vanuit dat de vereffeningsprocedure zal afgerond worden tegen eind 2024, zijnde 5 jaar na vrijgave van de staat van activa en passiva per 31 maart 2020.
Het bedrag van de voorziening is gebaseerd op de verwachte operationele kosten die de Vennootschap verwacht te maken voor de start van en tijdens het vereffeningsproces en omvat de kosten voor de vereffenaar, honoraria voor juridische bijstand, accounting bijstand en audit honoraria, alsook andere operationele kosten. Het ingeschatte bedrag van de voorziening gaat uit van een stabiele jaarlijkse kost over de volledige duurtijd van de vereffeningsprocedure. Daarnaast veronderstelt de Vennootschap ook dat alle opgelopen kosten in verband met de hierboven aangehaalde juridische procedures gedekt zijn door de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering ("BA verzekering") van de Vennootschap.
De Vennootschap heeft eveneens geen voorziening opgenomen met betrekking tot mogelijke juridische of gerechtelijke acties.
Financiële schulden bestaan uit het opgenomen deel ten belope van 3 700 000 EUR van de Limited Recourse Loan Facility verstrekt aan de Vennootschap door NN2. De Vennootschap heeft het volledige bedrag dat beschikbaar was voor het eerste jaar onder de Limited Recourse Loan Facility opgenomen per 31 maart 2020. Vanaf 1 augustus 2020 kan de Vennootschap nog eens 1 200 000 EUR opnemen voor de lopende gewone bedrijfsuitoefening. De toelichting inzake verbonden partijen in VOL 6.20 bij de staat van activa en passiva bevat verdere informatie omtrent de voorwaarden waaronder deze financiering werd toegekend.
Het netto-actief of het eigen vermogen van de Vennootschap bestaat uit het geplaatst kapitaal van 114 134 761 EUR, de uitgiftepremies van 1 216 395 875 EUR, wettelijke reserves van 16 257 028 EUR en een overgedragen verlies van 1 337 762 511 EUR. Het netto-actief beloopt zo een bedrag van 9 025 153 EUR op 31 maart 2020. Het resultaat voor de periode van 3 maanden eindigend op 31 maart 2020 is een verlies van 1 962 502 EUR als gevolg van de herziening van de provisie voor vereffeningskosten zoals hierboven toegelicht. De Vennootschap veronderstelt dat het vereffeningsproces zal kunnen gefinaliseerd worden voor het einde van 2024 of 5 jaar na vrijgave van de staat van activa en passiva per 31 maart 2020.
Indien de vereffeningsprocedure langer zou duren dan vijf jaar of als de verwachte kosten aanzienlijk hoger zouden zijn, bijvoorbeeld als gevolg van het feit dat de verwachte kosten in verband met de juridische procedures niet gedekt zouden zijn door de BA verzekering, dan zouden de verwachte kosten aanzienlijk hoger kunnen zijn dan de voorziening die momenteel opgenomen is in de staat van activa en passiva. Deze zouden het netto-actief van de Vennootschap verder doen afnemen na 31 maart 2020.
Naast de waarderingsregels bevat de staat van activa en passiva per 31 maart 2020 ook een aantal overige toelichtingen met betrekking tot beschikbare liquiditeiten, verbonden partijen en andere rechten en verbintenissen die niet werden opgenomen in de staat van activa en passiva. De Vennootschap heeft openstaande garanties op 31 maart 2020 voor een bedrag van 129 689 364 EUR, dewelke nog niet werden vrijgegeven per 31 maart 2020 maar waarvoor de Vennootschap wordt gevrijwaard door contractuele overeenkomsten afgesloten met NN2 in het kader van de herstructurering.
Wij hebben de staat van activa en passiva van de Vennootschap gecontroleerd om na te gaan of hij de aandeelhouders in staat stelt om zich een beeld te vormen over het netto-actief van de Vennootschap per 31 maart 2020, rekening houdende met het onvermijdelijke aleatoire karakter van de vooruitzichten van de realisatie van de activa in de gegeven context.
Het doel van deze opdracht is dus van een andere aard dan die welke de controle van de jaarrekening beoogt, die bedoeld is om aandeelhouders te informeren over het vermogen, de financiële situatie en resultaten van de Vennootschap.
Bij de uitoefening van deze opdracht hebben wij ons onder meer gesteund op onze werkzaamheden in het kader van ons mandaat als commissaris inzake de controle van de jaarrekening van de Vennootschap afgesloten op 31 december 2019 en op ons verslag als commissaris over die jaarrekening gedateerd op 12 februari 2020. In dit verslag werd een oordeel met voorbehoud uitgedrukt omdat wij niet voldoende en geschikte controle-informatie hebben kunnen verzamelen omtrent de volledigheid van de informatie met betrekking tot transacties met verbonden partijen en toelichtingen over de relatie met de Trafigura Group Pte. Ltd. en zijn verbonden vennootschappen (gezamenlijk "Trafigura") en evenmin omtrent de volledigheid van de informatie met betrekking tot de opeenvolgende gebeurtenissen sedert oktober 2018 die hebben geresulteerd in een nazicht van de balansstructuur van de Vennootschap en haar dochterondernemingen (samen de "Groep" tot en met 31 juli 2019) (het "Nazicht van de Balansstructuur").
Bijzondere aandacht werd geschonken aan de waarderingsregels die zijn toegepast bij het opstellen van de staat van activa en passiva per 31 maart 2020 en aan de waardecorrecties aangebracht aan de rekeningen in toepassing van het principe van discontinuïteit in overeenstemming met artikel 3:6 van het Koninklijk Besluit van 29 april 2019 tot uitvoering van het WVV. Aangezien de jaarrekening afgesloten op 31 december 2019 reeds werd opgesteld in discontinuiïteit, hebben wij ons voor deze opdracht ook gesteund op onze werkzaamheden in het kader van ons mandaat als commissaris op de jaarrekening.
Wij zijn ook nagegaan of de wettelijke en reglementaire bepalingen met betrekking tot de boekhouding worden nageleefd.
Op datum van dit verslag, zijn wij niet op de hoogte van belangrijke gebeurtenissen die zich hebben voorgedaan sinds 31 maart 2020, de datum van de staat van activa en passiva, andere dan deze toegelicht in de staat van activa en passiva, die een materiële impact zouden kunnen hebben op de staat van activa en passiva of die een aanzienlijke invloed zouden kunnen hebben op de vooruitzichten van de vereffening.
Overeenkomstig artikel 2:71 van het WVV brengen wij aan de buitengewone algemene vergadering verslag uit in het kader van onze opdracht als commissaris.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de bijgevoegde staat van activa en passiva per 31 maart 2020, die werd opgesteld volgens het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel.
Met uitzondering van de mogelijke effecten van de aangelegenheid zoals beschreven in de sectie "Basis voor het oordeel met voorbehoud" van ons verslag, geeft de staat van activa en passiva opgesteld in discontinuïteit met een balanstotaal van 16 875 (000) EUR en een netto-actief van 9 025 (000) EUR, naar ons oordeel, een getrouw beeld van de financiële toestand van Nyrstar NV per 31 maart 2020, in overeenstemming met het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel, voor zover de vooruitzichten van het bestuursorgaan met succes zullen worden gerealiseerd door de vereffenaar.
Met betrekking tot de boekjaren afgesloten op 31 december 2018 en 2019 hebben wij niet voldoende en geschikte controle-informatie kunnen verzamelen omtrent de volledigheid van de informatie met betrekking tot transacties met verbonden partijen en toelichtingen over de relatie met de Trafigura Group Pte. Ltd. en zijn verbonden ondernemingen (gezamenlijk "Trafigura") en evenmin omtrent de volledigheid van de informatie met betrekking tot de opeenvolgende gebeurtenissen sedert oktober 2018 die hebben geresulteerd in een nazicht van de balansstructuur van de Vennootschap en haar dochterondernemingen (samen de "Groep" tot en met 31 juli 2019) (het "Nazicht van de Balansstructuur") ten gevolge van de combinatie van de volgende elementen:
De hierboven genoemde elementen zijn ontstaan in het boekjaar afgesloten op 31 december 2018 en blijven van toepassing tijdens het boekjaar afgesloten op 31 december 2019 waarover wij een verslag hebben afgeleverd op 12 februari 2020. De staat van activa en passiva per 31 maart 2020 bevat informatie van de vorige boekjaren die van toepassing blijft en bijgevolg kan bepaalde informatie ontbreken in de staat van activa en passiva per 31 maart 2020 over de relatie met Trafigura voor wat de toelichting met betrekking tot verbonden partijen betreft alsook omtrent de opeenvolging van de gebeurtenissen die hebben geresulteerd in het Nazicht van de Balansstructuur en de Herstructurering zoals opgenomen in de toelichting in VOL 6.20 bij de staat van activa en passiva per 31 maart 2020.
We hebben onze controle uitgevoerd overeenkomstig de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België en de van toepassing zijnde controlenorm van het Instituut van de Bedrijfsrevisoren. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de staat van activa en passiva" van dit verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle opdracht in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij zijn van mening dat de door ons verzamelde controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel met voorbehoud.
Wij vestigen de aandacht op de waarderingsregels in VOL 6.19 bij de staat van activa en passiva per 31 maart 2020 die de door de Vennootschap genomen assumpties in het bepalen van de voorziening voor vereffeningskosten beschrijft. Indien de vereffeningsprocedure langer zou duren dan vijf jaar of als de verwachte kosten aanzienlijk hoger zouden zijn, bijvoorbeeld als gevolg van het feit dat de verwachte kosten in verband met de juridische procedures niet gedekt zouden zijn door de BA verzekering, dan zouden de verwachte kosten aanzienlijk hoger kunnen zijn dan de voorziening die momenteel opgenomen is in de staat van activa en passiva. De Vennootschap heeft eveneens geen voorziening opgenomen met betrekking tot mogelijke juridische of gerechtelijke acties. Deze zouden het netto-actief van de Vennootschap verder doen afnemen na 31 maart 2020.
Daarnaast en zoals beschreven in toelichting VOL 6.20 bij de staat van activa en passiva per 31 maart 2020 is het vermogen van de Vennootschap om aan haar toekomstige verplichtingen te voldoen afhankelijk van de bestaande financieringsovereenkomsten (de "Limited Recourse Loan facility") en de mogelijkheid om de verkoopoptie uit te oefenen die de Vennootschap in staat stelt haar 2% investering in NN2 te verkopen. Afhankelijk van de duurtijd en de omvang van het vereffeningsproces, zouden deze financiële middelen mogelijks niet voldoende kunnen zijn om de financiële noden van de Vennootschap op te vangen.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van deze staat van activa en passiva per 31 maart 2020, die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel. Het bestuursorgaan dient een staat van activa en passiva van de Vennootschap op te stellen, vastgesteld uiterlijk drie maanden voor de buitengewone algemene vergadering die samengeroepen wordt om zich uit te spreken over het voorstel tot vrijwillige ontbinding.
Als gevolg van het voorstel tot vrijwillige ontbinding van de Vennootschap werd de staat van activa en passiva per 31 maart 2020 opgesteld in discontinuïteit. In deze context is het de verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan om de nodige toelichtingen op te nemen in de staat van activa en passiva met betrekking tot de impact van discontinuïteit en voor de naleving van de bepalingen van artikel 3:6, §2 van het Koninklijk Besluit van 29 april 2019 in toepassing van het WVV.
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid dat de staat van activa en passiva geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, en het uitbrengen van een verslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd, altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze staat van activa en passiva, beïnvloeden.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. Wij voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
Wij communiceren met het bestuursorgaan onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne controle die wij identificeren gedurende onze controle.
Dit verslag werd uitsluitend opgesteld ingevolge artikel 2:71 van het WVV en mag niet voor andere doeleinden worden gebruikt.
Antwerpen, 29 april 2020
De commissaris
Deloitte Bedrijfsrevisoren CVBA Vertegenwoordigd door Ine Nuyts
Bijlagen:
Deloitte Bedrijfsrevisoren/Réviseurs d'Entreprises
Coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid/Société coopérative à responsabilité limitée Registered Office: Gateway building, Luchthaven Brussel Nationaal 1 J, B-1930 Zaventem VAT BE 0429.053.863 - RPR Brussel/RPM Bruxelles - IBAN BE 17 2300 0465 6121 - BIC GEBABEBB
opgemaakt op 29 april 2020
Overeenkomstig artikel 2:71 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen ("WVV"), heeft de raad van bestuur (de "Raad") van Nyrstar NV (de "Vennootschap") met eenparigheid van stemmen het volgende verslag goedgekeurd dat zal worden voorgelegd aan de tweede buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders die zal worden gehouden op 2 juni 2020 (de "Buitengewone Algemene Vergadering"), met de volgende punten op de agenda:
1.1. Kennisname van het verslag van de Raad van Bestuur overeenkomstig artikel 2:71, §2, eerste lid van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen met betrekking tot het voorstel om de ontbinding en vereffening van de Vennootschap goed te keuren, zoals uiteengezet hierna in agendapunt 2, waarbij een staat van activa en passiva van de Vennootschap afgesloten op datum van 31 maart 2020 is gevoegd.
1.2. Kennisname van het verslag van de commissaris overeenkomstig artikel 2:71, §2, derde lid van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen met betrekking tot de hierboven onder 1.1. vermelde staat van activa en passiva gevoegd bij het verslag van de Raad van Bestuur.
Op 9 december 2019 heeft de Vennootschap een buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders gehouden, die diende te beraadslagen over de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap en een voorgestelde kapitaalvermindering overeenkomstig artikel 633 van het Wetboek van Vennootschappen ("W.Venn.") (hetgeen de op dat moment toepasselijke bepaling was). Deze buitengewone aandeelhoudersvergadering keurde de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap af. Overeenkomstig artikel 2:71 WVV, heeft de Raad daarom een buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders bijeengeroepen gepland voor 25 maart 2020 om te besluiten over de ontbinding en vereffening van de Vennootschap. Op 18 maart 2020 kondigde de Vennootschap aan dat het noodzakelijk was gebleken om de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders uit te stellen als gevolg van de uitbraak van de Covid-19 pandemie en de beperkingen die als gevolg daarvan werden ingevoerd in Europa. Overeenkomstig het Koninklijk Besluit nr. 4 van 9 april 2020 houdende diverse bepalingen inzake mede-eigendom en het vennootschaps- en verenigingsrecht in het kader van de strijd tegen de Covid-19 pandemie (het "Koninklijk Besluit"), heeft de Vennootschap nu de Buitengewone Algemene Vergadering bijeengeroepen met dezelfde agenda als de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders gepland voor 25 maart 2020, om te besluiten over de ontbinding en vereffening van de Vennootschap. Ter voorbereiding van de Buitengewone Algemene Vergadering, heeft de Raad een bijzonder verslag overeenkomstig artikel 2:71 WVV opgesteld, hetgeen het voorstel om de Vennootschap te ontbinden toelicht (het "Verslag").
Volgend op de opmaak op 27 september 2019 van haar gecontroleerde enkelvoudige jaarrekening van het boekjaar eindigend op 31 december 2018, die de bijzondere waardevermindering van de deelnemingen van de Vennootschap in al haar dochtervennootschappen (de "Operationele Groep") weergaf als gevolg van de herstructurering van de Vennootschap en van de Operationele Groep die voltooid werd op 31 juli 2019 (de "Herstructurering"), zoals verder toegelicht in het 633 Verslag (hierna gedefinieerd), heeft de Raad op 5 november 2019 een buitengewone aandeelhoudersvergadering bijeengeroepen (de "Eerste BAV") overeenkomstig voormalig artikel 633 W.Venn. (huidig artikel 7:228 WVV), met onder meer de volgende punten op de agenda:
Voormalig artikel 633 W.Venn. (huidig artikel 7:228 WVV) bepaalt dat, wanneer ten gevolge van geleden verlies het netto-actief gedaald is tot minder dan de helft van het maatschappelijk kapitaal van een vennootschap, de algemene vergadering, behoudens strengere bepalingen in de statuten, moet bijeenkomen binnen een termijn van ten hoogste twee maanden nadat het verlies is vastgesteld of had moeten worden vastgesteld om te beraadslagen en te besluiten over de ontbinding van de vennootschap en eventueel over andere in de agenda aangekondigde maatregelen. Artikel 633 W.Venn. (huidig artikel 7:228 WVV) bepaalt verder dat dezelfde verplichting geldt wanneer het nettoactief ten gevolge van geleden verlies gedaald is tot minder dan een vierde van het maatschappelijk kapitaal, met dien verstande dat de ontbinding in dat geval plaatsvindt wanneer zij wordt goedgekeurd door een vierde van de ter vergadering uitgebrachte stemmen. Gezien uit de gecontroleerde enkelvoudige jaarrekening van de Vennootschap voor het boekjaar eindigend op 31 december 2018 bleek dat als gevolg van verliezen het netto-actief van de Vennootschap (d.i., EUR 12.424.467,77) gedaald was tot minder dan een vierde van het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap (d.i., EUR 114.134.760,97), heeft de Raad een bijzonder verslag opgesteld op 3 oktober 2019 overeenkomstig voormalig artikel 633 W.Venn. (huidig artikel 7:228 WVV) waarin het voorstel werd uiteengezet om de activiteiten van de Vennootschap voort te zetten (het "633 Verslag").
Volgend op de Eerste BAV, waarop het vereiste aanwezigheidsquorum niet bereikt werd, keurden de aandeelhouders tijdens de tweede buitengewone aandeelhoudersvergadering van 9 december 2019 (de "Tweede BAV"), met identiek dezelfde agendapunten 1 t.e.m. 3 van de Eerste BAV, het voorstel van de Raad om de activiteiten van de Vennootschap voort te zetten af. Om de besluiten genomen door de Tweede BAV in het kader van de toepassing van de alarmbelprocedure overeenkomstig artikel 633 W. Venn. (huidig artikel 7:288 WVV) te implementeren, stelt de Raad van Bestuur thans voor om met toepassing van artikel 2:71 WVV, te beraadslagen en besluiten over de vrijwillige ontbinding en vereffening van de Vennootschap. Overeenkomstig artikel 2:71 WVV en artikel 3:6, §2 van het Koninklijk Besluit tot uitvoering van het WVV, wordt ook een staat van activa en passiva van de Vennootschap zoals op 31 maart 2020, die niet ouder is dan drie maanden vóór de datum van de Buitengewone Algemene Vergadering, bijgevoegd als Bijlage 1.
Op 31 maart 2020, bestonden de activa, passiva en andere toelichtingen van de Vennootschap uit het volgende:
Andere leningen ten belope van EUR 3.700.000,00 opgenomen door de Vennootschap op 31 maart 2020 op de Limited Recourse Loan Facility verstrekt aan de Vennootschap door NN2. De Lening werd als kortlopend geclassificeerd omdat de Vennootschap veronderstelt dat de Vennootschap haar EUR 20 miljoen putoptie in 2020 zou kunnen uitoefenen en uit de opbrengst van de putoptie het uitstaande bedrag dat is opgenomen op de Limited Recourse Loan Facility zal moeten terugbetalen. Voor verdere details wordt verwezen naar Overige te verstrekken informatie, sectie Informatie over verbonden partijen van de Staat van activa en passiva per 31 maart 2020, opgenomen in Bijlage 1 van dit verslag.
Schulden aan leveranciers ten belope van EUR 445.430,98 die voornamelijk betrekking hadden op de honoraria voor juridisch advies.
betrekking tot de Herstructurering van de Vennootschap. Tot op heden, werd geen formele kennisgeving gedaan aan de Vennootschap met betrekking tot deze beweerdelijke strafrechtelijke klachten of procedure ten gronde.
De in de Staat van activa en passiva van 31 maart 2020 toegepaste waarderingsregels worden vermeld in het hoofdstuk Waarderingsregels van de Staat van activa en passiva van 31 maart 2020, opgenomen in Bijlage 1 van dit verslag. De Vennootschap verwacht dat op basis van de Staat van activa en passiva per 31 maart 2020 dit een solvabele vereffening zal zijn.
De commissaris van de Vennootschap, Deloitte Bedrijfsrevisoren/réviseurs d'Entreprises CVBA/SCRL, met maatschappelijke zetel te Gateway building, Luchthaven Brussel Nationaal 1 J, B-1930 Zaventem, vertegenwoordigd door bedrijfsrevisor Mevr. Ine Nuyts, heeft de staat van activa en passiva van de Vennootschap zoals op 31 maart 2020, bijgevoegd als Bijlage 1, gecontroleerd en daarover verslag uitgebracht in toepassing van artikel 2:71, §2, derde lid WVV.
In het licht van de beslissingen genomen door de Tweede BAV, nodigt de Raad de Buitengewone Algemene Vergadering uit om te beraadslagen en, in het kader van artikel 2:71 WVV, te besluiten over de ontbinding en vereffening van de Vennootschap.
Dit verslag en het controleverslag van de commissaris van de Vennootschap worden in de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering vermeld en, overeenkomstig de toepasselijke wetgeving, op de vennootschapswebsite (www.nyrstar.be) ter beschikking gesteld van de aandeelhouders tot afloop van de periode van vijf jaar te rekenen vanaf de datum van de Buitengewone Algemene Vergadering.
Opgemaakt te Brussel, op 29 april 2020.
Voor de Raad van Bestuur van Nyrstar NV,
/ondertekend/ /ondertekend/
Martyn Konig Anne Fahy Bestuurder Bestuurder
[Zie het document bijgevoegd]
INHOUDSTABEL:
VOL 3.1: Activa
VOL 3.2: Passiva
VOL 6.19: Waarderingsregels
VOL 6.20: Overige toelichtingen
"Boekjaar" = 31 maart 2020
"Vorig boekjaar" = 31 december 2019
"Overgedragen winst (verlies)" samengesteld als volgt:
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|---|
| ACTIVA | ||||
| OPRICHTINGSKOSTEN |
6.1 | 20 | ||
VASTE ACTIVA |
21/28 | 0,88 | 50.000,88 | |
Immateriële vaste activa |
21 | |||
Materiële vaste activa |
6.3 | 22/27 | ||
| Terreinen en gebouwen | 22 | |||
| Installaties, machines en uitrusting | 23 | |||
| Meubilair en rollend materieel | 24 | |||
| Leasing en soortgelijke rechten | 25 | |||
| Overige materiële vaste activa | 26 | |||
| Activa in aanbouw en vooruitbetalingen | 27 | |||
| Financiële vaste activa |
6.4 / 6.5.1 |
28 | 0,88 | 50.000,88 |
Verbonden ondernemingen |
6.15 | 280/1 | 0,88 | 0,88 |
Deelnemingen |
280 | 0,88 | 0,88 | |
| Vorderingen | 281 | |||
| Ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat |
6.15 | 282/3 | ||
| Deelnemingen | 282 | |||
| Vorderingen | 283 | |||
| Andere financiële vaste activa | 284/8 | 50.000,00 | ||
| Aandelen | 284 | |||
| Vorderingen en borgtochten in contanten | 285/8 | 50.000,00 |
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|---|
| VLOTTENDE ACTIVA |
29/58 | 16.874.691,41 | 17.148.936,52 | |
Vorderingen op meer dan één jaar |
29 | |||
Handelsvorderingen |
290 | |||
| Overige vorderingen | 291 | |||
| Voorraden en bestellingen in uitvoering |
3 | |||
Voorraden |
30/36 | |||
| Grond- en hulpstoffen | 30/31 | |||
| Goederen in bewerking | 32 | |||
| Gereed product | 33 | |||
| Handelsgoederen | 34 | |||
| Onroerende goederen bestemd voor verkoop | 35 | |||
| Vooruitbetalingen | 36 | |||
| Bestellingen in uitvoering | 37 | |||
| Vorderingen op ten hoogste één jaar |
40/41 | 142.524,49 | 344.345,34 | |
Handelsvorderingen |
40 | |||
Overige vorderingen |
41 | 142.524,49 | 344.345,34 | |
| Geldbeleggingen |
6.5.1 / | 50/53 | 15.395.000,00 | 15.395.000,00 |
Eigen aandelen |
6.6 | 50 | ||
| Overige beleggingen | 51/53 | 15.395.000,00 | 15.395.000,00 | |
| Liquide middelen |
54/58 | 1.234.490,85 | 1.274.246,37 | |
| Overlopende rekeningen |
6.6 | 490/1 | 102.676,07 | 135.344,81 |
| TOTAAL DER ACTIVA |
20/58 | 16.874.692,29 | 17.198.937,40 |
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|---|
| PASSIVA | ||||
| EIGEN VERMOGEN |
10/15 | 9.025.153,16 | 10.987.654,69 | |
Kapitaal |
6.7.1 | 10 | 114.134.760,97 | 114.134.760,97 |
Geplaatst kapitaal |
100 | 114.134.760,97 | 114.134.760,97 | |
| 4 Niet-opgevraagd kapitaal |
101 | |||
| Uitgiftepremies |
11 | 1.216.395.875,47 | 1.216.395.875,47 | |
Herwaarderingsmeerwaarden |
12 | |||
Reserves |
13 | 16.257.028,06 | 16.257.028,06 | |
Wettelijke reserve |
130 | 16.257.028,06 | 16.257.028,06 | |
| Onbeschikbare reserves | 131 | |||
| Voor eigen aandelen | 1310 | |||
| Andere | 1311 | |||
| Belastingvrije reserves | 132 | |||
| Beschikbare reserves | 133 | |||
Overgedragen winst (verlies) (+)/(-) |
14 | -1.337.762.511,34 | -1.335.800.009,81 | |
| Kapitaalsubsidies |
15 | |||
Voorschot aan de vennoten op de verdeling van het 5 netto-actief |
19 | |||
VOORZIENINGEN EN UITGESTELDE BELASTINGEN |
16 | 3.591.800,00 | 2.327.785,00 | |
Voorzieningen voor risico's en kosten |
160/5 | 3.591.800,00 | 2.327.785,00 | |
Pensioenen en soortgelijke verplichtingen |
160 | |||
Fiscale lasten |
161 | |||
Grote herstellings- en onderhoudswerken |
162 | |||
Milieuverplichtingen |
163 | |||
Overige risico's en kosten |
6.8 | 164/5 | 3.591.800,00 | 2.327.785,00 |
Uitgestelde belastingen |
168 |
.. .. Bedrag in mindering te brengen van het geplaatst kapitaal. 4
.. Bedrag in mindering te brengen van de andere bestanddelen van het eigen vermogen. 5
| Toel. | Codes | Boekjaar | Vorig boekjaar | |
|---|---|---|---|---|
| SCHULDEN |
17/49 | 4.257.739,13 | 3.883.497,71 | |
Schulden op meer dan één jaar |
6.9 | 17 | ||
Financiële schulden |
170/4 | |||
| Achtergestelde leningen | 170 | |||
| Niet-achtergestelde obligatieleningen | 171 | |||
| Leasingschulden en soortgelijke schulden | 172 | |||
| Kredietinstellingen | 173 | |||
| Overige leningen | 174 | |||
| Handelsschulden | 175 | |||
| Leveranciers | 1750 | |||
| Te betalen wissels | 1751 | |||
| Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen | 176 | |||
| Overige schulden | 178/9 | |||
| Schulden op ten hoogste één jaar | 6.9 | 42/48 | 4.250.984,38 | 3.881.031,95 |
Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen |
42 | |||
| Financiële schulden | 43 | 3.700.000,00 | 3.000.000,00 | |
| Kredietinstellingen | 430/8 | |||
| Overige leningen | 439 | 3.700.000,00 | 3.000.000,00 | |
| Handelsschulden | 44 | 445.430,98 | 756.917,15 | |
| Leveranciers | 440/4 | 445.430,98 | 756.917,15 | |
| Te betalen wissels | 441 | |||
| Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen | 46 | |||
| Schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen en sociale lasten |
6.9 | 45 | 22.026,73 | 40.588,13 |
| Belastingen | 450/3 | 558,31 | 15.970,53 | |
| Bezoldigingen en sociale lasten | 454/9 | 21.468,42 | 24.617,60 | |
| Overige schulden | 47/48 | 83.526,67 | 83.526,67 | |
| Overlopende rekeningen |
6.9 | 492/3 | 6.754,75 | 2.465,76 |
| TOTAAL VAN DE PASSIVA |
10/49 | 16.874.692,29 | 17.198.937,40 |
Waarderingsregels Nyrstar NV (De "Vennootschap")
De waarderingsregels zijn opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van het Koninklijk Besluit dd. 29 april 2019 tot uitvoering van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen betreffende de waarderingsregels. Als gevolg van de Herstructurering en het resultaat van de Buitengewone Algemene Vergadering ("BAV") van 9 december 2019, waar de aandeelhouders de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap verwierpen, en onder voorbehoud van het resultaat van de aanstaande nieuwe BAV op 2 juni 2020, is het de bedoeling van de Vennootschap om haar activiteiten niet voort te zetten. De Raad van Bestuur van de Vennootschap heeft de nodige maatregelen genomen om de nodige verslagen op te stellen (Staat van activa en passiva en het verslag van de Raad van Bestuur in overeenstemming met artikel 2:71 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen) en heeft een nieuwe BAV bijeen geroepen om formeel te beslissen over de ontbinding van de Vennootschap, en indien goedgekeurd, een vereffenaar te benoemen. Als zodanig wordt Staat van activa en passiva van de Vennootschap op 31 maart 2020 opgesteld op basis van discontinuïteit. Voor meer informatie omtrent de Herstructurering verwijzen we naar de "informatie over verbonden partijen".
De oprichtingskosten worden geactiveerd en over 3 jaar afgeschreven. De kosten van kapitaalsverhoging worden eveneens geactiveerd en over 3 jaar afgeschreven. De kosten van uitgifte van leningen worden eveneens geactiveerd en afgeschreven over de looptijd van de lening.
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd aan aanschaffingswaarde. De afschrijvingen gebeuren op basis van de volgende regels:
oSoftware: 3 jaar oAndere: 3 tot 5 jaar
De materiële vaste activa worden geboekt aan historische aanschaffingswaarde met inbegrip van bijkomende kosten. De afschrijvingen op deze activa worden berekend over de economische levensduur van de betrokken activa en volgens de lineaire methode. De afschrijvingstermijnen zijn de volgende:
oTerreinen: niet afschrijfbaar oGebrouwen: 40 jaar oInstallaties, machines en uitrusting: 7 tot 15 jaar oMeubilair en rollend materieel: 3 tot 10 jaar oInrichting gehuurde gebouwen: 10 jaar
De deelnemingen en vorderingen worden geboekt aan historische aanschaffingswaarde. Waardeverminderingen op deze activa worden geboekt in geval van duurzame minderwaarde of ontwaarding en voldoen aan de eisen van voorzichtigheid, oprechtheid en goede trouw verantwoord door de toestand, de rentabiliteit of de vooruitzichten van de Vennootschap. Geboekte waardeverminderingen worden geannuleerd wanneer deze volgens actuele beoordelingen niet langer vereist zijn.
Vorderingen welke uitgedrukt zijn in vreemde munten, worden omgerekend aan de slotkoersen geldig op afsluitdatum van de balans. De negatieve (niet-gerealiseerde) omrekeningsverschillen worden in de resultatenrekening genomen. Vanaf boekjaar 2011 worden op basis van het voorzichtigheidsprincipe de positieve, niet-gerealiseerde omrekeningsverschillen op balansdatum als over te dragen opbrengsten geboekt.
Deze worden gewaardeerd aan hun nominale waarde. Vlottende activa en schulden welke uitgedrukt zijn in vreemde munten, worden omgerekend aan de slotkoersen geldig op afsluitdatum van de balans. De negatieve (niet-gerealiseerde) omrekeningsverschillen worden in de resultatenrekening genomen. Vanaf boekjaar 2011 worden op basis van het voorzichtigheidsprincipe de positieve, niet-gerealiseerde omrekeningsverschillen op balansdatum als over te dragen opbrengsten geboekt. Op de nominale waarde wordt een waardevermindering geboekt indien de vordering op afsluitdatum van de balans geheel of gedeeltelijk onzeker is. Cashpool posities worden afzonderlijk getoond als overige vorderingen (41) en overige schulden (48).
Voorzieningen worden opgenomen om alle naar hun aard duidelijk omschreven verliezen of kosten te dekken op de balansdatum waarschijnlijk of zeker zijn, doch waarvan het bedrag niet vaststaat. De voorzieningen die betrekking hebben op voorgaande boekjaren worden regelmatig herzien en tegen geboekt wanneer ze niet langer nodig zijn of wanneer de risico's of kosten gerealiseerd zijn. De Groep had een Leveraged Employee Share Ownership Plan en een Executive Long-Term Incentive Plan (langetermijn-incentiveregeling voor hogere leidinggevende functionarissen), die naar goeddunken van de Groep in eigenvermogensinstrumenten of in cash afgewikkelde op aandelen gebaseerde vergoedingsplannen werden uitbetaald. Voor deze op aandelen gebaseerde betalingstransacties werden de ontvangen diensten en de verplichting gewaardeerd tegen de reële waarde van de verplichting op toekenningsdatum. De initiële waardering van de verplichting werd opgenomen over de periode waarin de diensten werden verleend. Op elke verslagdatum - en uiteindelijk op de datum van afwikkeling - werd de reële waarde opgenomen in de winst-en-verliesrekening voor de periode.
Er wordt rekening gehouden met alle kosten en opbrengsten die betrekking hebben op het boekjaar ongeacht de dag waarop deze kosten en opbrengsten worden betaald of geïnd.
Aanpassingen met betrekking tot de waardering en de classificatie van bepaalde balansposten als gevolg van het toepassen van de waardering in discontinuïteit door de Vennootschap voor het opstellen van de staat van activa en passiva op 31 maart 2020:
a)De oprichtingskosten werden volledig afgeschreven zoals vereist door artikel 3:6 van het Koninklijk Besluit dd. 29 april 2019 tot de uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen in de jaarrekening van 2018.
b)Toelichting bij de bepaling van de verwachte vermoedelijke realisatiewaarde overeenkomstig artikel 3:6 van het Koninklijk Besluit dd. 29 april 2019 tot de uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
Op 31 maart 2020 heeft de Vennootschap, in haar vlottende activa, een investering van 2% in NN2 NewCo Limited ("NN2") ten belope van EUR 15.395.000, en in haar deelnemingen een 100% deelneming in NN1 NewCo Limited ("NN1"), gewaardeerd op USD 1, wat de kostprijs van deze deelnemingen voor de Vennootschap vertegenwoordigt via de uitgifte door NN2 van 2% van het aandelenkapitaal van NN2 aan de Vennootschap met de resterende 98% van het aandelenkapitaal dat aan Trafigura New Holdco is uitgegeven. De investering in NN2 per 31 maart 2020 van EUR 15.395.000 wordt gewaardeerd tegen de laagste waarde van de kostprijs of aanschaffingswaarde en de verwachte waarschijnlijke realisatiewaarde, rekening houdend met het feit dat de Vennootschap een putoptie heeft om alle (maar niet alleen een deel) van haar 2%-belang in NN2 aan Trafigura te verkopen tegen een prijs gelijk aan EUR 20 miljoen in totaal te betalen aan de Vennootschap, waardoor er geen bijzondere waardevermindering nodig is op 31 maart 2020. Deze putoptie kan worden uitgeoefend door NNV tussen zes maanden en drie jaar nadat Trafigura of een lid van de Trafigura Groep een moedermaatschappij is geworden van NN2 of al haar dochterondernemingen, met uitzondering van NN1, (de "Operationele Groep") (d.w.z. tussen 1 februari 2020 en 31 juli 2022), onder voorbehoud van beperkte triggers die het mogelijk maken om de putoptie uit te oefenen vóór zes maanden of een eerdere beëindiging van de putoptie vóór drie jaar.
c) Bovendien had de Vennootschap op 31 december 2019 voorwaardelijke verplichtingen ten belope van 235,2 miljoen EUR, verstrekt of onherroepelijk beloofd door de Vennootschap voor schulden en verplichtingen van derden. Op 31 maart 2020 had de Vennootschap voorwaardelijke verplichtingen ten bedrage van 129,7 miljoen EUR, verstrekt of onherroepelijk beloofd door de Vennootschap voor schulden en verplichtingen van derden die nog moeten worden overgedragen aan de Trafigura Groep. In het bedrag van 129,7 miljoen EUR zijn garanties opgenomen van 77,6 miljoen EUR in verband met de eerder uitgegeven kredietbrieven van twee financiële instellingen. Hoewel de Vennootschap nog geen formele bevestiging van de overdracht van de garantie op 31 maart 2020 heeft ontvangen, zijn er op 31 maart 2020 geen bedragen opgenomen onder deze kredietbrieven. Voor meer details, zie paragraaf 2.3. De Vrijgave van de vennootschap van de garanties van de moedermaatschappij ten gunste van derden in de "Toelichting inzake Verbonden Partijen".
d)De beslissing van de BAV van 9 december 2019 om de activiteiten van de Vennootschap niet voort te zetten, heeft ertoe geleid dat de Vennootschap verplicht was om een voorziening voor de beëindiging van de bedrijfsactiviteiten te boeken die de geschatte kosten vertegenwoordigt die de Vennootschap verwacht te maken vóór de voltooiing van de vereffening. Op 31 december 2019 heeft de Vennootschap een voorziening voor de stopzetting van de activiteiten opgenomen voor een bedrag van EUR 2,3 miljoen, wat overeenkomt met de geschatte kosten die de Vennootschap verwacht te maken voor de voltooiing van een ordelijk vereffeningsprocedure die vóór eind 2020 zou worden afgerond.
Op 27 april 2020 heeft de Vennootschap een dagvaarding in kort geding ontvangen van het advocatenkantoor Intui, dat een groep minderheidsaandeelhouders van de Vennootschap vertegenwoordigt. De groep van aandeelhouders vraagt de aanstelling van een panel van drie deskundigen, op kosten van de Vennootschap, met de opdracht (i) te onderzoeken en te adviseren of de transacties tussen de Nyrstar-groep en Trafigura-groep op en na 9 november 2015 gesloten zijn conform het "at arms' length" en "on normal commercial terms" principe en te begroten welke rechtstreekse en onrechtstreekse schade Nyrstar nv heeft geleden door schendingen van dit principe , (ii) te onderzoeken en te adviseren of de mijnen te El Mochito, El Toqui, Coricancha, Campo Morado en Contonga (evenals de overeenkomsten met de Talvivaara Mining Company groep) zijn verkocht (overgedragen) aan een prijs die onder de netto-waarde lag op de respectieve data van verkoop, en te begroten welke rechtstreekse en onrechtstreekse schade Nyrstar nv heeft geleden door deze verkopen (overdracht), (iii) om de Herstructurering te onderzoeken, en (iv) om te onderzoeken hoe de raad van bestuur van Nyrstar nv de boekhoud- en waarderingsregels heeft toegepast in het kader van de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekeningen van 2016 tot en met 2019. De Vennootschap is van mening dat de aanspraken van deze groep van aandeelhouders in deze dagvaarding ongegrond zijn.
Daarnaast werd de Vennootschap ervan op de hoogte gebracht dat, onder andere, verschillende voormalige en huidige bestuurders en managers van de Vennootschap een ingebrekestelling hadden ontvangen van het advocatenkantoor Intui, dat een groep van minderheidsaandeelhouders van de Vennootschap vertegenwoordigt. Door middel van deze brief stelt de groep van aandeelhouders de geadresseerden aansprakelijk voor vermeende fouten in de periode van 2015 tot op heden en kondigt zij een juridische procedure aan in dit verband. De Vennootschap begrijpt dat de voormalige en huidige bestuurders en managers van mening zijn dat alle aantijgingen daarin ongegrond zijn.
Als gevolg daarvan en gelet op de gerechtelijke procedures waar hierboven naar wordt verwezen, verwacht de Vennootschap echter dat de vereffeningsprocedure langer zal duren dan eerder verwach.
Bij het schatten van de voorziening voor stopzetting van 3,6 miljoen EUR erkend op 31 maart 2020, gaat de Vennootschap ervan uit dat de vereffeningsprocedure tegen het einde van 2024, dat wil zeggen binnen vijf jaar na de publicatie van de staat van activa en passiva op 31 maart 2020, ongeveer zal zijn afgerond. Deze timing is gebaseerd op de schatting dat, gelet op de hierboven vermelde gerechtelijke procedures (op basis van een redelijke verwachting met betrekking tot de timing van Belgische gerechtelijke procedures), de vereffeningsprocedure drie tot vijf jaar in beslag kan nemen. De voorziening is gebaseerd op de geschatte exploitatiekosten die vóór en tijdens de vereffeningsprocedure moeten worden gemaakt. Deze kosten omvatten kosten van de vereffenaar, juridische, boekhoudkundige en auditkosten, noteringskosten en andere bedrijfskosten. Bij het geschatte bedrag van de voorziening wordt uitgegaan van een stabiele jaarlijkse kost van de vereffenaar en andere kosten die de Vennootschap moet maken over de periode tot aan de voltooiing van de vereffeningsprocedure.
Het geschatte bedrag van de voorziening is exclusief eventuele kosten die de Vennootschap zou maken in verband met de bovengenoemde gerechtelijke procedures, aangezien de Vennootschap verwacht dat deze kosten zullen worden gedekt door de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering van de Vennootschap. De werkelijke kosten zijn afhankelijk van de duur van deze gerechtelijke procedures, de mate van betrokkenheid van de Vennootschap en enige andere elementen die de Vennootschap momenteel nog niet kan
voorzien.
Indien de vereffeningsprocedure langer dan vijf jaar duurt, zouden de geschatte kosten die de Vennootschap moet maken voordat de vereffening is voltooid, aanzienlijk hoger zijn. Ervan uitgaande dat de vereffening eind 2029 is voltooid, schat de Vennootschap dat de kosten die tijdens de vereffeningsprocedure worden gemaakt, zouden oplopen tot 6,6 miljoen EUR, waardoor de Vennootschap mogelijk aanvullende financiering moet verkrijgen bovenop de opbrengsten van de uitoefening van de putoptie van 20 miljoen EUR (indien uitgeoefend) verminderd met de terugbetaling van het uitstaande bedrag opgenomen op de Limited Recourse Loan Facility (te betalen uit de opbrengst van de putoptie).
Indien de kosten die de Vennootschap zou maken in verband met de bovengenoemde gerechtelijke procedures niet kunnen worden gedekt door de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering, moet de voorziening voor stopzetting mogelijk worden verhoogd met een extra bedrag van ongeveer EUR 6,4 miljoen en zou de totale voorziening EUR 10,0 miljoen bedragen, indien de vereffeningsprocedure eind 2024 zou zijn afgerond, en met een extra bedrag van ongeveer 15,4 miljoen EUR tot 19,0 miljoen EUR als de vereffeningsprocedure eind 2029 zou zijn voltooid. Dit veronderstelt ook een stabiele jaarlijkse kost opgelopen door de Vennootschap gedurende de periode tot de voltooiing van de vereffeningprocedure. Indien de Vennootschap dergelijke extra kosten zou moeten maken, zal de Vennootschap behoefte hebben aan extra financiering te verkrijgen boven de opbrengsten van de uitoefening van de putoptie van EUR 20 miljoen (indien uitgeoefend) minus de terugbetaling van het uitstaande bedrag dat op de Limited Recourse Loan is opgenomen. Faciliteit (te betalen uit de opbrengst van de putoptie), in welk geval de vereffening een deficitaire vereffening zou kunnen worden.
Deze additionele kosten, bovenop de huidige voorziening van EUR 3,6 miljoen erkend op 31 maart 2020, zouden het eigen vermogen van de Vennootschap na 31 maart 2020 verder verlagen.
e)In het vierde kwartaal van 2019 en begin 2020 zijn er verschillende persberichten geweest over mogelijke juridische of gerechtelijke maatregelen door de Minderheidsaandeelhouders. De pers meldde in Q4 2019 dat er drie strafrechtelijke klachten zijn ingediend door drie aandeelhouders tegen onbekenden en in maart 2020 dat de Minderheidsaandeelhouders op korte termijn een procedure ten gronde zouden inleiden met betrekking tot de Herstructurering van de Vennootschap. Er is geen formele kennisgeving gedaan aan de Vennootschap of enige bestuurder, noch zijn er details verstrekt met betrekking tot deze vermeende strafrechtelijke klachten of acties.
Daarnaast is de Vennootschap ook op de hoogte van de berichtgeving in de pers in het vierde kwartaal van 2019, waarin de Belgische effectenregulator, de FSMA, verklaarde dat zij een reglementair onderzoek naar de Vennootschap uitvoerde. De Vennootschap is niet formeel op de hoogte gebracht van dit of enig ander reglementair onderzoek naar de Vennootschap. Als zodanig is er geen voorziening opgenomen met betrekking tot deze zaken op 31 maart 2020.
De Vennootschap heeft de potentiële impact van de COVID-19-uitbraak op de erkenning en waardering van de activa en passiva van de Vennootschap op 31 maart 2020 beoordeeld. Het belangrijkste actiefbestanddeel van de Vennootschap is de investering van 2% in de NN2 NewCo Limited. De Vennootschap heeft nota genomen van de persberichten van Trafigura en de operationele groep van Nyrstar, maar heeft momenteel geen aanwijzingen ontvangen dat de uitbraak van Covid-19 een significante impact heeft op de Trafigura-groep die de waarde van de investering van 2% van de Vennootschap kan beïnvloeden in NN2 Newco Limited. In elk geval heeft de Vennootschap een putoptie die haar in staat stelt haar aandeel in NN2 NewCo Limited aan Trafigura te verkopen tegen een vaste prijs van EUR 20 miljoen. De Vennootschap maakt ook gebruik van de Limited Recourse Loan Facility met NN2 NewCo Limited om haar activiteiten te financieren. De Vennootschap heeft momenteel geen aanwijzingen ontvangen dat NN2 Newco Limited of Trafigura haar verplichtingen jegens de Vennootschap niet zou kunnen nakomen. Volgens de Vennootschap zijn er geen bijkomende potentiële significante effecten van de COVID-19-uitbraak op de waardering van de activa en passiva van de Vennootschap op 31 maart 2020.
Op 9 december 2019 werd de Buitengewone Algemene Vergadering ("BAV") gehouden om te beraadslagen over de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap en een voorgestelde kapitaalvermindering. De aandeelhouders verwierpen de voortzetting van de activiteiten van de Vennootschap. De Raad van Bestuur van de Vennootschap heeft de nodige maatregelen genomen om de nodige verslagen op te stellen (Staat van activa en passiva en het verslag van de Raad van Bestuur in overeenstemming met artikel 2:71 van het Belgisch Wetboek van vennootschappen en verenigingen) en heeft een nieuwe BAV bijeen geroepen om formeel te beslissen over de ontbinding van de Vennootschap, en indien goedgekeurd, een vereffenaar te benoemen. Als zodanig werd deze Staat van activa en passiva van de Vennootschap per 31 maart 2020 opgesteld op basis van discontinuïteit.
Op de datum van goedkeuring van de Staat van activa en passiva per 31 maart 2020 heeft de Vennootschap beoordeeld dat, rekening houdend met haar beschikbare liquide middelen, kasequivalenten, faciliteiten die beschikbaar werden gesteld voor de Vennootschap als gecommitteerde faciliteiten bij de voltooiing van de herstructurering van de Vennootschap en haar dochterondernemingen ("Groep" tot en met 31 juli 2019) ("Herstructurering") op 31 juli 2019, de mogelijkheid om de verkoopoptie uit te oefenen die de Vennootschap heeft en die haar in staat stelt haar 2%-belang in NN2 te verkopen, en haar kasstroomprognoses voor de komende 12 maanden na de goedkeuring door de Raad van Bestuur van de Staat van activa en passiva per 31 maart 2020, zij voldoende liquiditeit heeft om aan haar korte termijn verplichtingen te voldoen en de behoefte aan werkkapitaal te dekken. De verwachte beschikbare liquiditeit van de Vennootschap, die op de datum van dit verslag het volledig opgenomen bedrag van EUR 3,7 miljoen omvat dat beschikbaar is voor de Vennootschap voor het eerste jaar van de Limited Recourse Loan Facility, is afhankelijk van verschillende zaken, waaronder de verwachte benoeming van een vereffenaar en zijn of haar volgende stappen, het bestaan en de omvang van juridische procedures tegen de Vennootschap die de financiering van dergelijke procedures zal vereisen en andere zaken die momenteel niet zijn voorzien zoals besproken in punt d) van de Waarderingsregels. Vanaf 1 augustus 2020 kan de Vennootschap nog eens 1,2 miljoen EUR opnemen in het kader van de Limited Recourse Loan Facility voor de lopende gewone bedrijfsuitoefening van de Vennootschap. De Vennootschap kan ook gebruik maken van de afzonderlijke tranche van EUR 5 miljoen van de Limited Recourse Loan Facility bestemd voor de betaling van bepaalde kosten voor de vertegenwoordiging in rechtszaken, indien nodig zoals beschreven in de toelichting inzake verbonden partijen. Indien de bovenvermelde financieringsopties de Vennootschap niet voldoende middelen verschaffen wanneer ze nodig zijn, kan de Vennootschap haar verkoopoptie uitoefenen die de Vennootschap in staat stelt haar 2%-belang in de Operationele Groep te verkopen voor EUR 20 miljoen, het uitstaande bedrag dat is opgenomen in de Limited Recourse Loan Facility terug te betalen uit de opbrengst van de verkoopoptie (zie de toelichting inzake Verbonden partijen hieronder voor meer details) en voldoende financiering te genereren voor de Vennootschap.
De Groep startte het nazicht van haar balansstructuur (het "Nazicht van de Balansstructuur") in oktober 2018 naar aanleiding van de uitdagende financiële en operationele omstandigheden waarmee de Groep werd geconfronteerd. In november 2018 kreeg de Groep te maken met een toename van de behoefte aan werkkapitaal, omdat haar liquiditeitspositie plotseling en onverwacht verslechterde na de bekendmaking van de resultaten van het derde kwartaal van 2018 en de daaruit voortvloeiende negatieve berichtgeving in de pers en de daaruit voortvloeiende verlaging van de kredietrating. In het bijzonder werd een aanzienlijk deel van de handelsfinancieringsregelingen van de Groep opgeschort of beëindigd, of moest een aanzienlijk deel geheel of gedeeltelijk gedekt worden door liquide middelen. Deze aanzienlijke dalingen in het werkkapitaal en liquiditeit die de Groep in het vierde kwartaal van 2018 en het eerste kwartaal van 2019 ondervond, maakte het aantrekken van dringende financiering noodzakelijk om de Vennootschap en de Groep in staat te stellen haar activiteiten voort te zetten. Gecombineerd met de aanzienlijk verminderde Onderliggende EBITDA-prestaties in 2018 en het vervallen van bepaalde schulden in 2019, hebben deze factoren tot de noodzaak geleid om de balansstructuur van de Groep te herzien.
Het Nazicht van de Balansstructuur heeft een zeer aanzienlijke bijkomende financieringsbehoefte aangetoond waaraan de Groep niet kon voldoen zonder een aanzienlijke vermindering van de schuldenlast van de Groep. Als gevolg hiervan moest er in het kader van het Nazicht van Balansstructuur tussen de financiële schuldeisers van de Groep onderhandeld worden met het oog op het uitwerken van een plan tot afbouw van de schuldenlast en financiering. Alternatieven werden zorgvuldig overwogen, maar geen enkel alternatief om de financiële problemen aan te pakken was realistisch en deze financiële problemen niet aanpakken, zou een ernstige bedreiging inhouden voor de toekomst van de Vennootschap, haar dochterondernemingen en haar stakeholders. Dienovereenkomstig kondigde Nyrstar op 15 april 2019 aan dat het een Lock-Up Overeenkomst had gesloten op 14 april 2019 (de "Lock-Up Overeenkomst") met vertegenwoordigers van de belangrijkste groepen van financiële schuldeisers, waaronder Trafigura. De Lock-Up Overeenkomst bepaalt de voorwaarden voor de herkapitalisatie van de Nyrstar Groep (de "Herkapitalisatievoorwaarden"). Deze herkapitalisatievoorwaarden omvatten:
1.een overdracht door Nyrstar NV van (i) al haar dochterondernemingen, met uitzondering van NN1, (de "Operationele Groep"), en (ii) alle vorderingen van Nyrstar op de Operationele Groep aan NN2 (zoals hieronder gedefinieerd) tegen een vergoeding van USD 1; en
2.de daaropvolgende overdracht van het meerderheidsbelang in NN2 (als enige eigenaar van de onderliggende Operationele Groep) aan een nieuw opgerichte holding ("Trafigura New Holdco") die eigendom is van Trafigura, door de uitgifte door NN2 van een 98%-aandelenbelang in zichzelf aan Trafigura New Holdco (waarbij de resterende 2% van het aandelenkapitaal in NN2 rechtstreeks aan Nyrstar werd uitgegeven), in verband met de inwerkingtreding van alle andere stappen die van fundamenteel belang zijn voor de uitvoering van de Herstructurering, met inbegrip van (maar niet beperkt tot):
a. de vrijgave van de uitstaande converteerbare obligaties van EUR 115 miljoen met vervaldatum in 2022 uitgegeven door de Vennootschap (de "Converteerbare Obligaties") en de bestaande 6.875% niet-achtergestelde obligaties van de Operationele Groep van EUR 500 miljoen met vervaldatum in 2024 (de "2024 Notes") en de 8.5% niet-achtergestelde obligaties van EUR 340 miljoen met vervaldag in 2019 (de "2019 Notes" en, samen met de 2024 Notes, de "Notes" en elke houder van de Notes en Converteerbare Obligaties, een "Noteholder") die door de Vennootschap werden gewaarborgd in ruil voor nieuwe schuldinstrumenten die door bepaalde Trafigura-entiteiten aan die houders van Notes worden uitgegeven (de "Nieuwe Trafigura Instrumenten");
b. de herstructurering van bepaalde faciliteiten die door de Operationele Groep zijn aangegaan en de vrijwaring van de Vennootschap en NN1 van eventuele garantieverplichtingen met betrekking tot dergelijke faciliteiten;
c. de terbeschikkingstelling van een gewaarborgde nieuwe geldfaciliteit ten belope van EUR 160 miljoen (door bepaalde deelnemende kredietverstrekkers in het kader van de bestaande faciliteiten van de Operationele Groep) ter financiering van het algemene werkkapitaal van de geherstructureerde Operationele Groep (de "Nieuwe Geldfaciliteit");
d. de toezegging van NN2 om redelijke inspanningen te leveren om de vrijgave van verplichtingen van de Vennootschap aan derden met betrekking tot financiële, commerciële of andere verplichtingen van de huidige leden van de Operationele Groep (de "PCG's") te bewerkstelligen (en een vrijwaring door NN2 voor zover deze PCG's niet worden vrijgegeven);
e. de voorziening door NN2 van vrijwaringen aan de Vennootschap met betrekking tot bepaalde specifieke verplichtingen, met inbegrip van bepaalde verplichtingen die voortvloeien uit bepaalde historische vervreemdingen door de Groep en/of uit bepaalde historische mijnsluitingen;
f. de voorziening door NN2 en/of een Trafigura-entiteit die een holdingmaatschappij is van de Operationele Groep van een beperkte regreslening aan de Vennootschap ter financiering van haar verwachte normale bedrijfskosten en eventuele verdedigingskosten die voortvloeien uit eventuele geschillen met derden gedurende een aantal jaren na de Herstructurering; en
g. minderheidsrechten ten gunste van de Vennootschap met betrekking tot haar 2%-belang in NN2 (inclusief een volgrecht, een volgplicht, informatierechten en een verkoopoptie tegen een prijs die gelijk is aan EUR 20 miljoen (pro rata aangepast afhankelijk van het percentage aangehouden in NN2 van tijd tot tijd) en die binnen bepaalde termijnen kunnen worden uitgeoefend.
Vervolgens kondigde Nyrstar op 29 april 2019 aan dat formele toestemmingen voor de Lock-Up Overeenkomst werden ontvangen van, onder andere, meer dan 79% van het totaalbedrag van de uitstaande hoofdsom onder de niet-achtergestelde obligaties met vervaldag in 2019 en met vervaldag in 2024, en meer dan 87% van het totaalbedrag van de uitstaande hoofdsom onder de converteerbare obligaties. In het kader van de Lock-Up-Overeenkomst was de uitvoering van de Herkapitalisatievoorwaarden onderworpen aan verschillende opschortende voorwaarden, waaronder verschillende door derden te verlenen reglementaire goedkeuringen, die allemaal met succes zijn verkregen.
Op 14 juni 2019 werd NN2 in Engeland opgericht onder de naam NN2 Newco Limited. Op 20 juni 2019 kondigde de Vennootschap aan dat verschillende stappen werden en nog worden ondernomen om de Herstructurering uit te voeren, waaronder dat NN2 is toegetreden tot de Obligaties en dat NN2 een verklaring met betrekking tot de schemes of arrangement (Practice Statement Letter) heeft gepubliceerd met betrekking tot een door NN2 voor te stellen regeling (scheme of arrangement) met betrekking tot de Obligaties. De Engelse rechter heeft de oproepingszitting op 4 juli gehouden en heeft de NN2- scheme vergaderingen op 22 juli (of een later tijdstip of datum die NN2 kon bepalen) gelast. De NN2-scheme vergaderingen hebben op 22 juli jl. plaatsgevonden. Er waren twee categorieën schuldeisers voor de NN2-scheme: de Converteerbare Obligaties in één categorie schuldeisers, en de Notes, samengevoegd in een tweede categorie schuldeisers. Voor de eerste schuldeiserscategorie van de regeling (de Converteerbare Obligaties) stemden 98,87% in waarde van de stemgerechtigden en 100% in waarde en 100% in aantal van die schuldeisers die gestemd hadden, keurden de scheme goed. Voor de tweede categorie van schuldeisers van de scheme (de Notes), stemden 95,57% in waarde van de stemgerechtigden en 99,96% in waarde en 98,93% in aantal van die schuldeisers die gestemd hadden, keurden de scheme goed. De NN2-scheme werd dan ook gesteund door een overweldigende meerderheid van de schuldeisers van de scheme en ruimschoots boven de vereiste meerderheid (i.e. 75% in waarde en een meerderheid in aantal van die schuldeisers die hun stem uitbrachten in elke scheme categorie).
De hoorzitting van de Engelse rechter over de goedkeuring van de NN2-scheme vond plaats op 26 juli 2019, wanneer het goedkeuringsbevel werd gegeven. De scheme is op dezelfde dag van kracht geworden. Op 29 juli werd een vergadering van houders van de converteerbare obligaties gehouden en werd een besluit genomen om de NN2-scheme goed te keuren (98% in waarde van de stemgerechtigden deed dit en 100% van zij die stemden keurden de regeling goed). Op 30 juli heeft de US Bankruptcy Court van het Southern District van New York op grond van Chapter 15 van titel 11 van de US Bankruptcy Code een beschikking gegeven waarbij de erkenning van het hoofdproces en de daarmee verband houdende verlichting werd gegeven waarbij de UK scheme of arrangement van NN2 in de Verenigde Staten volledig gevolg werd gegeven.
De Herstructurering werd vervolgens volledig van kracht op 31 juli 2019. Als gevolg van de herkapitalisatie is Trafigura Group Pte. Ltd. de uiteindelijke moedervennootschap van de Operationele Groep geworden.
De implementatie van de Herkapitalisatievoorwaarden heeft de voortzetting van de activiteiten van de Operationele Groep gewaarborgd ten behoeve van alle belanghebbenden; het niet implementeren van de Herkapitalisatievoorwaarden zou hoogstwaarschijnlijk hebben geleid tot de insolventie van de Groep en de Vennootschap, wat naar verwachting zou hebben geleid tot materiële schade voor de klanten van de Groep, leveranciers en ongeveer 4.100 werknemers van de Groep, evenals tot een zeer aanzienlijk waardeverlies voor de financiële belanghebbenden en een totaal verlies voor de aandeelhouders.
De overeenkomsten waarbij de Vennootschap partij is, worden hieronder nader besproken.
De Lock Up Agreement voorzag dat de Vennootschap, Trafigura en Nyrstar Holdings Limited ("Nyrstar Holdings", een Trafigura special purpose vehicle dat onder andere is opgericht met het oog op de uitvoering van de Herstructurering) een akte zouden afsluiten waarin hun overeenkomst zou worden bevestigd met betrekking tot (i) bepaalde stappen die nodig zijn voor de uitvoering van de Herstructurering zoals voorzien in de Lock Up Agreement en (ii) de voorwaarden van de lopende relatie tussen de Vennootschap en de Trafigura groep (de "NNV-Trafigura Akte"). De NNV-Trafigura Akte werd op 19 juni 2019 naar behoren uitgevoerd. Bepaalde sleutelbegrippen van de NNV-Trafigura Akte kunnen als volgt worden samengevat.
"Distributiebeleid: onder de NNV-Trafigura Akte hebben Trafigura en Nyrstar Holdings verplichtingen op zich genomen die erop gericht zijn om, in de mate van het mogelijke, ervoor te zorgen dat alle winsten die door de voormalige dochterondernemingen van de Vennootschap (vóór de Effectieve Datum van de Herstructurering genoemd als de "Operationele Groep") worden gerealiseerd, ook daadwerkelijk worden uitgekeerd, en na de Effectieve Datum van de Herstructurering, die deel uitmaken van de Trafigura groep via de 98%
meerderheidsparticipatie van Nyrstar Holding in NN2 NewCo Limited ("NN2") en die de "Restructured Operating Group" worden genoemd) worden uitgekeerd aan de aandeelhouders van NN2 (inclusief de Vennootschap als 2%
minderheidsaandeelhouder). Daartoe heeft Nyrstar Holdings ermee ingestemd om te voorzien dat: (i) de raad van bestuur van NN2 ten
minste jaarlijks bijeenkomt om te beoordelen of NN2 enige winst heeft die rechtmatig beschikbaar is voor uitkering (in welk geval NN2 een dergelijke uitkering zal doen in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving); en (ii) NN2 en de andere leden van de geherstructureerde operationele groep, onder de voorwaarden van een financierings- of andere overeenkomst waarbij zij partij zijn of zullen zijn (met uitzondering van financierings- of andere overeenkomsten die op zakelijke voorwaarden met derden zijn aangegaan), niet onderworpen zijn aan beperkingen omtrent het uitkeren van dividenden of andere uitkeringen aan hun respectievelijke aandeelhouders.
"Volgplicht/volgrecht: Onder de voorwaarden van de NNV-Trafigura Akte, indien Nyrstar Holdings of enige relevante Trafigura entiteit(en) die 98% van de aandelen van NN2 in handen heeft (zijnde de "Meerderheidsaandeelhouder(s)") een overdracht van enig recht of belang aan een derde koper voorstelt (tegen marktconforme voorwaarden, tegen contante of niet- contante vergoeding), en dit ertoe zou leiden dat de Trafigura-groep 50% of minder van de aandelen in NN2 in handen heeft, dan zal de Meerderheidsaandeelhouder(s) die het voorstel doet het recht hebben om de Vennootschap te verplichten tot overdracht van haar aandelen ("volgplicht"), en de Vennootschap zal een gelijkaardig recht hebben om deel te nemen aan een dergelijke overdracht van aandelen ("volgrecht"), voor haar volledige 2% belang in NN2 tegen dezelfde voorwaarden en tegen dezelfde vergoeding per aandeel als de Meerderheidsaandeelhouder(s).
"NN2 change of control: de NNV-Trafigura Akte legt verplichtingen op aan Trafigura en Nyrstar Holdings om ervoor te zorgen dat de Trafigura-groep alleen een interne reorganisatie binnen de Trafigura-groep doorvoert die ertoe zou leiden dat ten minste 75% van de nettoactiva (naar waarde) van de geherstructureerde operationele groep niet langer in handen is van NN2, maar van een ander lid van de Trafigura-groep (de "Replacement HoldCo"), indien (i) de onderneming betrouwbaar en te goeder trouw is opgericht, (ii) de financiële positie van de Replacement Holdco is in wezen dezelfde als die van NN2 onmiddellijk voorafgaand aan een dergelijke intragroepsreorganisatie, (iii) er zijn zodanige regelingen getroffen dat aandeelhouders in de Replacement Holdco (met inbegrip van de Vennootschap) in wezen gelijkwaardige rechten en verplichtingen hebben met betrekking tot de Replacement Holdco als met betrekking tot NN2, en (iv) de Vennootschap heeft een aandelenbelang in de Replacement Holdco dat gelijk is aan haar aandelenbelang NN2 onmiddellijk voorafgaand aan de intra-groep reorganisatie, met in wezen dezelfde rechten en beschermingsmaatregelen. Indien aan deze voorwaarden is voldaan, zal de Vennootschap alle stappen ondernemen en alle redelijke bijstand verlenen die nodig is om de intra-groep reorganisatie tot stand te brengen, en zal zij te goeder trouw haar medewerking verlenen. Alle kosten die de onderneming daarbij redelijkerwijs maakt (inclusief redelijke honoraria voor adviseurs), komen ten laste van Trafigura.
Ingevolge de NNV-Trafigura Akte zijn de Vennootschap en Trafigura ook overeengekomen dat Trafigura aan de Vennootschap een optie zal toekennen om een Trafigura-entiteit te verplichten het volledige belang van de Vennootschap in NN2 te kopen, waarvan de voorwaarden zijn vastgelegd in een afzonderlijke akte, gedateerd 25 juni 2019, tussen de Vennootschap, Trafigura en Nyrstar Holdings (de "Putoptie Akte"). Volgens de voorwaarden van de Putoptie Akte kan de Vennootschap alles (maar niet een gedeelte) van haar 2%-belang in NN2 aan Trafigura verkopen tegen een prijs die gelijk is aan EUR 20 miljoen (de "Putoptie"). De Putoptie kan door de Vennootschap worden uitgeoefend tussen zes maanden en drie jaar na de voltooiing van de Herstructurering (d.w.z. tussen 1 februari 2020 en 31 juli 2022), onder voorbehoud van beperkte triggers die een vervroegde uitoefening van de Putoptie vóór 6 maanden, of een vervroegde beëindiging van de Putoptie vóór 3 jaar, mogelijk maken.
2.2 Vrijgave van de garanties van de moedermaatschappij ten gunste van Trafigura
Zoals hierboven vermeld, was de Vennootschap vóór de Effectieve Datum van de Herstructurering de uiteindelijke moedermaatschappij van de Nyrstar groep en had zij eerder al verschillende garanties van de moedermaatschappij afgegeven met betrekking tot de verplichtingen van haar dochterondernemingen, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, twee garanties van de moedermaatschappij (de "Trafigura PCG's") die werden verleend met betrekking tot de primaire financiële verplichtingen van de toenmalige indirecte dochteronderneming van de vennootschap, Nyrstar Sales & Marketing AG ("NSM"), aan Trafigura, namelijk in het kader van de kaderovereenkomsten voor handelsfinanciering ten belope van 650 miljoen USD ("TFFA") en de overeenkomst inzake de "Bridge Finance Facility" ten belope van 250 miljoen USD ("BFFA"). De Trafigura PCG's en alle andere zekerheden en/of garanties die door de Operationele Groep aan Trafigura zijn verstrekt met betrekking tot de TFFA en BFFA, zijn op de Effectieve Datum van de Herstructurering volledig vrijgegeven.
2.3 De vrijgave van de Vennootschap van de garanties van de moedermaatschappij ten gunste van derden en de rechten van de Vennootschap op vrijwaring door NN2 in het kader van de NNV-NN2 SPA. Naast de vrijgave van de Trafigura PCG's profiteert de Vennootschap van contractuele overeenkomsten met NN2 en Trafigura met betrekking tot de vrijgave of vrijwaring van haar verplichtingen voor bestaande financiële schulden en verplichtingen aan derden met betrekking tot financiële, commerciële of andere verplichtingen van de toenmalige huidige leden van de Operating Group (de "PCG's"), zodat die derden niet langer een beroep kunnen doen op de Vennootschap. De vrijstellings- en/of vrijwaringsverplichtingen van NN2 waarvan de Vennootschap profiteert, kunnen als volgt worden samengevat.
"Vrijgave van PCG's en algemene schadeloosstelling: Als onderdeel van de Intra-groep Reorganisatie omvat de NNV-NN2 SPA een verbintenis van NN2 om redelijke inspanningen te leveren om de vrijgave van verplichtingen van het bedrijf onder PCG's van derden te verkrijgen. Deze inkoopverplichting wordt gecombineerd met een verplichting voor NN2 om de Vennootschap te vrijwaren, voor zover deze PCG's niet worden vrijgegeven, voor enige en alle verplichtingen met betrekking tot deze PCG's met betrekking tot het niet volledig nakomen van de belangrijkste verplichtingen door het betreffende lid van de Operationele Groep.
"Schadeloosstelling voor bepaalde historische verplichtingen: Verder bevat de NNV-NN2 SPA ook een verplichting voor NN2 om de Vennootschap te vrijwaren, voor zover niet gedekt door de hierboven vermelde vrijgave en/of vrijwaring van PCG's, met betrekking tot bepaalde specifieke aansprakelijkheden, inclusief bepaalde aansprakelijkheden die voortvloeien uit bepaalde historische afstotingen door de Nyrstar groep en/of uit bepaalde historische mijnsluitingen, die in een schema bij de NNV-NN2 SPA zijn gespecificeerd.
"Beperking van het beroep op de vennootschap van voormalige dochterondernemingen: Om eventuele financiële verplichtingen van de Vennootschap verder te beperken en vrij te geven, verplicht de NNV-NN2 SPA NN2 om dat te bewerkstelligen, en de NNV-Trafigura Akte verplicht Trafigura om ervoor te zorgen dat geen enkele voormalige dochtermaatschappij van de Vennootschap betaling zal eisen van de Vennootschap, behalve (i) onder de Limited Recourse Loan Facility, (ii) zoals anders overeengekomen na de voltooiing van de Herstructurering; of (iii) voor zover de Vennootschap over voldoende middelen beschikt (met uitzondering van eventuele dividenden of verkoopopbrengsten met betrekking tot de directe 2%-participatie van de Vennootschap in NN2).
2.4 Financiële transacties met Trafigura-entiteiten - de Limited Recourse Loan Facility
Op de Effectieve Datum van de Herstructurering heeft de Vennootschap een gecommitteerde, beperkte recourse, loan facility (de "Limited Recourse Loan Facility") van EUR 13,5 miljoen afgesloten die haar door NN2 (als "Kredietverlener") is verstrekt. De belangrijkste voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility worden hieronder beschreven. De Limited Recourse Loan Facility wordt in twee afzonderlijke tranches ter beschikking gesteld: (i) tot EUR 8,5 miljoen ten behoeve van de lopende gewone bedrijfsuitoefening van de Vennootschap ("Faciliteit A"); en (ii) tot EUR 5 miljoen bestemd voor de betaling van bepaalde kosten voor de verdediging van geschillen ("Faciliteit B"). Er zijn geen zekerheden, onderpand of garanties verstrekt met betrekking tot de verplichtingen van de Vennootschap onder de Limited Recourse Loan Facility.
Op 31 december 2019 was de Vennootschap onder faciliteit A 3,0 miljoen EUR verschuldigd. Faciliteit A kan door de Vennootschap onder meer worden gebruikt ter dekking van redelijke kosten van bestuurders en werknemers, D&O-verzekeringspremies (voor zover niet betaald vóór de Effectieve Datum van de Herstructurering), auditkosten, juridische kosten (met uitzondering van de kosten in verband met rechtszaken of andere feitelijke of dreigende procedures tegen de Vennootschap, die moeten worden gefinancierd uit Faciliteit B (zoals hieronder gedefinieerd)), noteringskosten en kosten voor investeerdersrelaties. De financiering onder faciliteit A wordt aan de Vennootschap verstrekt op basis van de driemaandelijkse kasstroomprognose die door de Vennootschap wordt opgesteld en aan Trafigura wordt verstrekt als voorwaarde voor de financiering. De totale hoeveelheid middelen die in het kader van faciliteit A beschikbaar moet worden gesteld, is overeengekomen op basis van de verwachte bedrijfskosten van de Vennootschap voor een periode van vijf jaar na de voltooiing van de Herstructurering, rekening houdend met de lopende operationele diensten die door NN2 aan de Vennootschap worden geleverd, zoals overeengekomen in de NNV-NN2 SPA, voor een periode van drie jaar (onder voorbehoud van overeengekomen vervroegde beëindiging) (de "Ongoing Services"). De Ongoing Services die door NN2 aan de Vennootschap worden verleend, omvatten financiële, fiscale, bedrijfskundige, IT- en administratieve diensten. De levering van de Ongoing Services aan de Vennootschap is bedoeld om de bedrijfskosten van de Vennootschap te verminderen in de periode na de Effectieve Datum van de Herstructurering.
Op 31 december 2019 had de Vennootschap geen bedrag opgenomen onder faciliteit B. Met inachtneming van de hieronder beschreven beperkingen kan faciliteit B door de Vennootschap worden toegepast voor de betaling of terugbetaling van kosten met betrekking tot alle rechtszaken, procedures, acties of vorderingen (met inbegrip van belastingvorderingen) die tegen de Vennootschap, NN1 Newco Limited ("NN1") of een van hun huidige of voormalige bestuurders of functionarissen (elk een "Claim") worden ingediend, beweerd of gedreigd.
Onder faciliteit A kan de Vennootschap tot EUR 3,7 miljoen lenen vóór 31 juli 2020 en vervolgens tot EUR 1,2 miljoen per jaar tot 2024. Financiering onder faciliteit B kan worden opgenomen op basis van de kosten die worden gemaakt in verband met een rechtszaak, procedure, actie of vordering (met inachtneming van de hieronder beschreven beperkingen en op basis van de levering van een factuur voor dergelijke kosten). Het gebruik van elke faciliteit is beperkt tot een maximum van drie opnames per financieel kwartaal per faciliteit (met uitzondering van eventuele PIK-leningen (zoals hieronder gedefinieerd)). Op de datum van dit verslag heeft de Vennootschap 3,7 miljoen EUR opgenomen onder faciliteit A en nihil onder faciliteit B.
De rente op de uitstaande bedragen onder de Limited Recourse Loan Facility is het totaal van EURIBOR plus een marge van 0,5%. Het is betaalbaar binnen 10 werkdagen na de verjaardag van de datum waarop een dergelijk bedrag beschikbaar is gesteld, op voorwaarde dat deze rente wordt gekapitaliseerd indien deze voor een periode van één jaar of meer is opgebouwd en de Vennootschap een kennisgeving heeft gedaan in de vorm die is voorgeschreven door de Limited Recourse Loan Facility. De gekapitaliseerde rente wordt behandeld als een nieuwe lening (een "PIK-Loan") in het kader van de desbetreffende faciliteit. Elke PIK-Loan zal zelf rente opbrengen en die rente kan ook worden gekapitaliseerd.
De Vennootschap mag geen enkel bedrag dat is geleend uit hoofde van faciliteit A of faciliteit B gebruiken voor de financiering (direct of indirect) van de kosten in verband met het instellen of indienen van vorderingen (met inbegrip van een tegenvordering of verweer) tegen Trafigura, andere leden van de Trafigura-groep, NN2 en/of enige Replacement Holdco, en/of enig ander lid van de Restructuring Operating Group), tegen een van de huidige of vroegere bestuurders, functionarissen of adviseurs van die entiteiten, tegen een schuldeiser met betrekking tot die entiteiten (behalve met de toestemming van NN2, die toestemming mag niet op onredelijke wijze worden onthouden of uitgesteld) of in verband met een betwisting van de Herstructurering, ook met betrekking tot de TFFA en de BFFA of enig ander document dat wordt overwogen in de Restructuring Implementation Deed.
Indien op enig moment na 31 juli 2020 het bedrag van de beschikbare liquide middelen, na aftrek van het minimumbedrag van 2 miljoen EUR in het eerste jaar en 1 miljoen EUR in het tweede jaar, van de Vennootschap (verminderd met een eventueel bedrag van de opbrengst van een faciliteit B die bedoeld is om te worden toegepast op de kosten van de Vennootschap waarop de lening van faciliteit B betrekking heeft, maar die nog niet is toegepast) hoger is dan 1.5 miljoen euro, dient de Vennootschap binnen vijf werkdagen na het ontstaan van het overschot aan liquide middelen het desbetreffende overschot aan liquide middelen aan te wenden voor de vooruitbetaling van uitstaande bedragen in het kader van faciliteit B. Indien er overschot aan liquide middelen na deze terugbetaling overblijft, past de Vennootschap 50% van dat overschot aan liquide middelen toe om het uitstaande bedrag in het kader van faciliteit A terug te betalen en past zij (voor zover toegestaan door de toepasselijke wet- en regelgeving) de resterende 50% van dat overschot aan liquide middelen toe voor de betaling van dividenden aan de aandeelhouders van de Vennootschap. Het bovenstaande is slechts van toepassing tot de laatste van (i) de datum waarop de Vennootschap ophoudt haar 2% aandelenbelang in de geherstructureerde operationele groep te bezitten (een dergelijk aandelenbelang is het resultaat van hetzij een directe participatie in NN2, hetzij in Replacement Holdco (zoals hierboven gedefinieerd) - het "Aandelenbelang van de Vennootschap", (ii) de ontvangst van alle opbrengsten (onder voorbehoud van eventuele toegestane / vereiste inhoudingen onder de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility) van enige vervreemding(en) van het aandelenbelang van de Vennootschap die leiden tot het ontstaan van de Exit Datum van de Vennootschap (de "Verkoopopbrengsten").
Onmiddellijk na ontvangst van de opbrengsten van de afstoting zal de Vennootschap ervoor zorgen dat deze ten eerste worden toegepast
op de vooruitbetaling van elk uit hoofde van faciliteit B uitstaand bedrag, en ten tweede, indien (i) de opbrengsten van de afstoting na de vereiste vooruitbetaling van faciliteit B blijven bestaan, en (ii) het totale bedrag van alle uit hoofde van faciliteit A uitstaande bedragen meer dan 5 miljoen EUR bedraagt, zal de Vennootschap een vooruitbetaling doen voor een totaal bedrag van 5 miljoen EUR of in de richting van een totaal bedrag van 5 miljoen EUR.
De Vennootschap zorgt ervoor dat, indien een uitkering aan de aandeelhouders van de Vennootschap wordt betaald op of na de Exit Date van de Vennootschap, een bedrag gelijk aan die uitkering wordt toegepast om het uit hoofde van faciliteit A uitstaande bedrag terug te betalen of vooruit te betalen vóór of gelijktijdig met een dergelijke uitkering.
De Onderneming is tevens overeengekomen dat, indien zij bedragen ontvangt uit kostenvergoedingen, schadevergoedingen en/of andere vergoedingen van een tegenpartij van een vordering (zoals hierboven gedefinieerd) (dergelijke bedragen vormen "Schadeopbrengsten"), deze schadeopbrengsten onmiddellijk moeten worden gebruikt om de onder faciliteit B uitstaande bedragen terug te betalen of vooruit te betalen.
Daarnaast zijn er gebruikelijke bepalingen die een verplichte vooruitbetaling van uitstaande bedragen onder een van beide of beide faciliteiten A en B voorschrijven in geval van een geval van verzuim gevolgd door een versnelling door de kredietverstrekker.
2.4.5. Strategie voor informatie, raadpleging en geschillenbeslechting ondernemingen
Indien er een Claim ontstaat waardoor de Vennootschap redelijkerwijs verwacht dat zij gebruik kan maken van faciliteit B, moet de Vennootschap:
NN2 en Trafigura onverwijld in kennis stellen van de Vordering;
met inachtneming van de toepasselijke wetgeving of geheimhoudingsverplichtingen jegens derden, NN2 en Trafigura alle informatie ter beschikking te stellen waarover zij beschikt en die zij redelijkerwijs kan controleren in verband met de beoordeling, betwisting, betwisting, verdediging, beroep of compromittering van de Vordering, met dien verstande dat NN2 en Trafigura de vertrouwelijkheid en/of het voorrecht ten aanzien van dergelijke informatie zullen bewaren;
NN2 en Trafigura op de hoogte houden van de voortgang / ontwikkelingen met betrekking tot de Vordering en alle correspondentie of andere informatie die zij in verband met de Vordering ontvangen, onverwijld verstrekken;
de standpunten van NN2 en Trafigura met betrekking tot de toepasselijke juridische adviseurs die de onderneming zullen vertegenwoordigen, NN1, of de toepasselijke bestuurders of functionarissen te raadplegen en er rekening mee te houden. NNV zal er tevens voor zorgen dat deze juridische adviseurs de door NN2 of Trafigura gevraagde honoreringsramingen verstrekken; - overleggen met en rekening houden met de standpunten van NN2 en Trafigura met betrekking tot het voeren van de verdediging / onderhandelingen / schikkingen met betrekking tot de Vordering; en
terwijl enig bedrag uit hoofde van faciliteit B uitstaat met betrekking tot een civiele vordering, geen enkele erkenning van aansprakelijkheid, overeenkomst, schikking of compromis met betrekking tot die vordering doen zonder de voorafgaande schriftelijke goedkeuring van Trafigura. De Vennootschap moet met Trafigura overleggen voordat zij enige actie onderneemt in verband met een insolventie- of faillissementsprocedure, onder meer in het kader van boek XX van het Belgisch Wetboek van Economische Wetgeving.
De Vennootschap is ook verplicht om NN2 bepaalde financiële informatie te verstrekken, met inbegrip van driemaandelijkse cashflowprognoses (en eventuele herzieningen daarvan die vereist zijn onder de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility), halfjaarlijkse financiële staten en geauditeerde jaarrekeningen, opgesteld op geconsolideerde basis (voor zover de Vennootschap dochterondernemingen heeft) en in overeenstemming met de boekhoudkundige principes die zijn overeengekomen in het kader van de voorwaarden van de Limited Recourse Loan Facility.
Bij de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019 werd de "Relationship Agreement" tussen Trafigura Group Pte Ltd en de Vennootschap (gedateerd 9 november 2015) beëindigd. De Relatieovereenkomst regelt de relatie tussen de Vennootschap (en de bredere Nyrstar Groep) en Trafigura Group Pte. Ltd. en haar gelieerde personen tussen de uitvoering ervan op 9 november 2015 en de voltooiing van de Herstructurering op 31 juli 2019.
De Vennootschap heeft geen commerciële transacties met Trafigura gesloten in de maanden eindigend op 31 maart 2020.
ANDERE RECHTEN EN VERBINTENISSEN DIE NIET IN HET BALANSVERSLAG zijn opgenomen (met inbegrip van die welke kan niet worden gekwantificeerd)
Tot 31 juli 2019 was de Vennootschap de holdingmaatschappij van de Nyrstar Groep (bestaande uit Nyrstar NV en haar dochtermaatschappijen). Op 31 juli 2019, toen de Herstructurering van de Nyrstar Groep werd afgerond (zie de financiële gegevens van 31 december 2019 voor verdere details), werd Nyrstar NV bevrijd van verplichtingen voor bestaande financiële schulden en verplichtingen verschuldigd onder de garanties van de moedermaatschappij voor commerciële of andere verplichtingen van de huidige leden van de Operationele Groep (alle voormalige dochterondernemingen van de Nyrstar Groep met uitzondering van NN1 NewCo Limited) (of die door NN2 worden gevrijwaard voor zover dergelijke garantieverplichtingen niet vrijgegeven). Het vermelde bedrag van EUR 129.7 miljoen vertegenwoordigt de garanties van de moedermaatschappij aan derden die nog niet zijn vrijgegeven per 31 maart 2020 waarvoor de onderneming wordt gevrijwaard (zie "Informatie over verbonden partijen"). In het bedrag van 129,7 miljoen EUR zijn garanties opgenomen van 77,6 miljoen EUR in verband met de eerder uitgegeven kredietbrieven van twee financiële instellingen. Hoewel de Vennootschap nog geen formele bevestiging van de garantieoverdracht op 31 maart 2020 heeft ontvangen, zijn er op 31 maart 2020 geen bedragen opgenomen onder deze kredietbrieven.
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.