Earnings Release • Jul 27, 2011
Earnings Release
Open in ViewerOpens in native device viewer
27 juli 2011
Bij de bespreking van de halfjaar resultaten zei Roland Junck, Chief Executive Officer van Nyrstar:
"In de eerste helft van 2011 zijn we blijven groeien in termen van financieel resultaat, van schaalgrootte en van ambitieniveau. We bereikten een onderliggende EBITDA van 123 miljoen €, met stevige bijdragen van 26 miljoen € en 117 miljoen € respectievelijk van onze mijnactiviteiten en van onze smeltactiviteiten.
Hoewel de zinkprijs, en ook de prijzen van een aantal van onze belangrijke nevenproducten, volatiel bleven, stegen ze gemiddeld toch tussen H2 2010 en H1 2011 uitgedrukt in US dollar, maar in mindere mate uitgedrukt in Euro gelet op de verzwakking van de US dollar ten opzichte van de koers van de Euro over deze periode.
We blijven hardnekkig verder werken aan de uitvoering van onze vertikale integratiestrategie. Met de verwachte afloop van de overname van Breakwater in K3 2011 en de volledige opvoering van onze mijnactiviteiten, verwacht tegen eind 2012, zal ons integratieniveau van zink op dat ogenblik 43% bereiken, waardoor wij volgens Brook Hunt een plaats bemachtigen in de top 5 van de globale zink mijnbouw ondernemingen, gebaseerd op de globale productie in 2010. De overname van Breakwater staat in lijn met onze strategie om op selectieve wijze mogelijkheden in mijnbouw na te streven. Het biedt ons de NYRSTAR NV ZINKSTRAAT 1 B-2490 BALEN BELGIUM
[email protected] www.nyrstar.com
Anthony Simms Manager, Investor Relations T: +41 44 745 8157 M: +41 79 722 2152 [email protected]
Kate Dinon Group Manager, Corporate Communications T: +41 44 745 8154 M: +41 79 722 84 66 [email protected]
Geert Lambrechts Manager, Corporate Communications T: +32 14 449 646 M: +32 473 637 892 [email protected]
mogelijkheid om onze doelstelling van 50% zinkintegratie op middellange termijn binnen handbereik te krijgen.
Om onze vertikale integratiestrategie te ondersteunen, ondermeer ook de overname van Breakwater, en om onze financieringsbronnen verder te diversifiëren, konden we met succes twee belangrijke financiële operaties afronden in H1 2011. Zowel het Aanbod met Voorkeurrecht voor 490 miljoen € als het openbaar aanbod van obligaties voor 525 miljoen € werden niet alleen goed onthaald door onze aandeelhouders en door de markt, maar zijn ook het bewijs van een duidelijke ondersteuning van de strategie van Nyrstar en in onze capaciteit om transacties te verwezenlijken die meerwaarde creëren.
We behouden ons vertrouwen in de middellange tot lange termijn perspectieven voor de zinkmarkt en geloven dat Nyrstar, als werelds grootste producent van zinkmetaal en dankzij de doorgedreven vertikale integratie, goed geplaatst is om van deze sterke fundamentals op de zinkmarkt te genieten.
In dit eerste halfjaar zijn we opnieuw tot de Bel 20 Index toegetreden en zijn we nu ook opgenomen in de Eurostoxx 600 Index. Onze toetreding tot deze beide indexen is een erkenning van onze groeistrategie en onze resultaten, samen met het belang van Nyrstar binnen de Belgische en Europese markt. We werken hard verder om onze nieuwe strategische transformatie verder gestalte te geven en we zijn onze aandeelhouders erg dankbaar voor hun blijvende steun."
De Vennootschap legde een sterk financieel resultaat neer in H1 2011, met een onderliggende EBITDA van 123 miljoen €, een toename van 8% vergeleken met de 114 miljoen € in H2 2010. Dit resultaat werd bereikt met bijdragen van 26 miljoen € en 117 miljoen € respectievelijk van onze mijnactiviteiten en van onze smeltactiviteiten, en van (20) miljoen € voor onze andere activiteiten en eliminatie.
Ondanks enige volatiliteit steeg de zinkprijs met ongeveer 7% tot een gemiddelde prijs van 2.323 US\$/ton in H1 2011, vertrekkend van een gemiddelde prijs van 2.163 US\$/ton in H2 2010. Het financieel resultaat van de Vennootschap ondervond echter een negatieve invloed door de waardevermindering van de US Dollar tegenover de Euro, met een terugval van de US Dollar van 5% tot een gemiddelde koers van 1,40 in H1 2011. Zo steeg de zinkprijs uitgedrukt in Euro slechts met een bescheiden 2% in H1 2011. De prijzen van andere metalen stegen eveneens in H1 2011, maar werden ook negatief beïnvloed door de verzwakking van de US Dollar.
In H1 2011, bedroeg de onderliggende EBITDA per ton van de mijnactiviteiten1 324 €, vergeleken met 338 € in H2 2010. Ondanks de hogere C1 cash kost tengevolge van de opvoeringsfase toont het behaalde resultaat duidelijk de hogere winstgevendheid van mijnbouw aan in vergelijking met smelten (waarvan de onderliggende EBITDA per ton2 relatief constant bleef op 209 € (komende van 207 € in H2 2010)). De Vennootschap verwacht een verdere verbetering van de onderliggende EBITDA per ton voor de mijnactiviteiten, wanneer deze op volle capaciteit zullen draaien (wat verwacht wordt tegen eind 2012), met een daarmee gepaard gaande daling van de C1 cash kost. De gemiddelde C1 cash kost3 voor de zinkmijnen van Nyrstar (inbegrepen de Talvivaara zink stream) bedroeg 1.515 US\$ per ton betaalbaar zink in H1 2011 en we verwachten een verbetering over de jaren 2011 en 2012 naar ons objectief van minder dan 1.000 \$ per ton.
1 Onderliggende EBITDA per ton van de mijnactiviteiten van geproduceerd zink in concentraat.
2 Onderliggende EBITDA per ton van de smeltactiviteiten van geproduceerd zinkmetaal.
3 C1 cash kosten worden bepaald door Brook Hunt als: de kosten voor het ontginnen, het malen en het concentreren, administratiekosten en algemene kosten ter plaatse, eigendom- en productierechten die niet verbonden zijn aan inkomsten of aan winst, kosten voor de behandeling van metaalconcentraat, en kosten voor marketing en vervoer min de nettowaarde van de opbrengst van nevenproducten.
De productie van zink in concentraat van de mijnactiviteiten van Nyrstar (met inbegrip van de leveringen in het kader van de Talvivaara streaming overeenkomst) bedroeg 79kt in H1 2011, een opmerkelijke stijging van 58% ten opzichte van H2 2010, maar minder dan de eerder gepubliceerde richtlijn van 95kt. De terugval in de productie was voornamelijk te wijten aan de levering van lagere volumes van Talvivaara dan verwacht; in de East Tennessee mijnen kende men een tijdelijke beschikbaarheid van uitrusting in K2 2011 en verminderde 'mill head grades'4 bij sommige mijnen.
De mijnactiviteiten van Nyrstar worden onderverdeeld in drie categorieën. De eerste categorie bestaat uit mijnen die uitgebaat worden door Nyrstar en die werden verworven in een staat van verzorging en behoud, of in een vroeg exploitatiestadium (b.v. de Coricancha en Puccarajo mijnen (Peru) en de Tennessee Mines (VS)). Ondanks een aantal moeilijkheden, die vrij normaal zijn in een lanceringfase, werd aanzienlijke vooruitgang geboekt gedurende H1 2011 in de richting van het vooropgesteld doel van een productie op volle capaciteit tegen eind 2012. De tweede categorie bestaat uit mijnen die worden uitgebaat door Nyrstar en die werden verworven in een gevorderd stadium van productie (zoals de Campo Morado mijn (Mexico), en de Contonga mijn (Peru)). Het productieniveau van deze mijnen lag voor H1 2011 in de lijn van de verwachtingen van de Vennootschap. Voor deze twee categorieën steeg het volume van verwerkte ertsen aanzienlijk gedurende H1 2011, en wel met 42% ten opzichte van H2 2010 (met een toename van 58% voor Middle Tennessee).
De recovery rates bleven constant, maar de 'mill head grades' daalden in een aantal vestigingen (voornamelijk in de laatste helft van K2 2011). Deze daling is deels te wijten aan een gebrek aan lange termijn mijnplanning en aan een gebrek van investering in mijnplanning door de vorige eigenaars. Tijdens H1 2011 heeft Nyrstar de reserves en de mogelijkheden van deze mijnen nauwkeurig vastgelegd, en stevige levensplannen voor de mijnen opgesteld die zullen worden ingevoerd in de 12 komende maanden. Naar verwachting zullen ze leiden tot verdere productie- en winstgroei, in lijn met de vooropgestelde verwachtingen. De derde categorie bestaat uit mijnen die niet door Nyrstar worden uitgebaat, namelijk de Talvivaara streaming overeenkomst. Hoewel de volumes aangeleverd in het raam van de streaming overeenkomst gedurende de eerste jaarhelft niet zo hoog lagen als wat oorspronkelijk door Talvivaara was aangegeven, blijft Nyrstar erop vertrouwen dat Talvivaara haar leveringsvolumes zal blijven opdrijven in lijn met wat ze had vooropgesteld, om zo een productie op volle capaciteit te bereiken tegen einde 2012.
Ten gevolge van de belangrijke vooruitgang in de mijnactiviteiten van Nyrstar gedurende H1 2011 en van de verschillende initiatieven die werden opgestart, blijft Nyrstar een jaarproductie van zink in concentraat verwachten van 215 kt. Nyrstar plant de opmaak van een aangepaste productieprognose voor het volledig jaar 2011 als onderdeel van de K3 Interim Management Verklaring na de verwachte afronding van de overname van Breakwater.
De Nyrstar mijnen produceerden eveneens aanzienlijke volumes in andere metalen die stilaan een toenemende bijdrage leveren tot de winsten van de mijnactiviteiten. Ongeveer 13.300 troy ounces goud in concentraat, 1.273.000 troy ounces zilver in concentraat5 , 1.000 ton lood in concentraat en 2.800 ton koper in concentraat werden geproduceerd in H1 2011.
In H1 2011, realiseerden de smelterijen van Nyrstar een halfjaar record productie van zinkmetaal van ongeveer 561.000 ton. De productie in H1 2011 lag 2% hoger dan in H2 2010 (het vorige halfjaar record), voornamelijk door een verhoogde productie van de smelterijen van Balen (België) en van Hobart (Australië). De loodproductie van de multimetaal smelterij van Port Pirie (Australië) kende een aanhoudende verbetering
4 Milled Head Grade is het volume aan metaal in het ontgonnen erts dat wordt verwerkt in de verwerkingsinstallatie.
5 75% van het zilver dat geproduceerd wordt door Campo Morado valt onder een streaming agreement met Silver Wheaton Corporation waarbij maar \$3.90 per ounce betaald wordt.
in H1 2011 met een productiestijging van 11% tot 102kt dankzij de aanhoudende verbetering van de sinterfabriek en de hoogovenactiviteiten.
Als onderdeel van het strategisch plan van de Vennootschap, Nyrstar2020, hebben zowel de smeltactiviteiten als de mijnactiviteiten enkele concrete financiële winsten kunnen opleveren. Naast de "vertikale integratie", legt het Nyrstar2020 plan nadruk op "uitmuntendheid in bestaande activiteiten van Nyrstar", strevend naar een naar buiten gerichte business, gedreven door commerciële, operationele en financiële uitmuntendheid; en die "ongebruikte waarde zal vrijmaken" door de opportuniteiten te bekijken waarover Nyrstar beschikt om te groeien en om haar activiteiten te versterken, voornamelijk door het onderzoeken van de ongebruikte waarde van de polymetaal grondstoffen en van de nevenproducten.
Nyrstar heeft vandaag aangekondigd dat de verstrijkingstermijn van het aanbod om Breakwater Resources Ltd te verwerven is verlengd van 29 juli 2011 tot 25 augustus 2011. De uitbreiding van het aanbod is te wijten aan het wettelijke goedkeuringsproces en de daarmee samenhangende herzieningsperioden van de door de mededingingsautoriteit vereiste neerleggingen, en de goedkeuring vereist krachtens de Investment Canada Act. Alle inzendingen zijn gemaakt en worden beoordeeld door de bevoegde autoriteiten in het normale verloop. Nyrstar en Breakwater werken nauw samen met elk van de regelgevende instanties en er zijn geen problemen opgemerkt. Zowel Nyrstar als Breakwater verwachten dat de vereiste goedkeuringen zullen worden ontvangen vóór 25 augustus 2011. Alle overige bepalingen en voorwaarden van het bod beschreven in het aanbod van Nyrstar en de circulaire van 23 juni 2011 blijven hetzelfde.
Het management zal deze resultaten op 27 juli om 8u Britse Zomertijd, 9u Midden-Europese Tijd voorstellen aan de beleggersgemeenschap. De presentatie kan live gevolgd worden via een webcast op de website van Nyrstar, www.nyrstar.com, waar deze ook in de archieven zal worden geplaatst.
| € miljoen | H1 2011 | H2 2010 | ∆ % | H1 2010 | FY 2010 |
|---|---|---|---|---|---|
| tenzij anders aangegeven | |||||
| Mijnproductie | |||||
| Zink in concentraat ('000 ton) | 79 | 50 | 58% | 34 | 84 |
| Goud ('000 troy ounces) | 13,3 | 4,7 | 183% | - | 4,7 |
| Smeltproductie 6 | |||||
| Zinkmetaal ('000 ton) | 561 | 546 | 3% | 530 | 1.076 |
| Loodmetaal ('000 ton) | 111 | 101 | 10% | 97 | 198 |
| Markt | |||||
| Gemiddelde LME zinkprijs (US\$/t) | 2.323 | 2.163 | 7% | 2.155 | 2.159 |
| Gemiddelde wisselkoers (€/US\$) | 1,40 | 1,33 | 5% | 1,33 | 1,33 |
| Belangrijke financiële gegevens | |||||
| Opbrengsten | 1.622 | 1.419 | 14% | 1.277 | 2.696 |
| Onderliggende EBITDA smeltactiviteit | 117 | 113 | 4% | 85 | 198 |
| Onderliggende EBITDA mijnactiviteit | 26 | 17 | 53% | 7 | 24 |
| Onderliggende EBITDA Andere en | (20) | (16) | 25% | 1 | (15) |
| Eliminaties | |||||
| Onderliggende EBITDA 7 | 123 | 114 | 8% | 93 | 207 |
| Resultaten uit operationele activiteiten | |||||
| vóór uitzonderlijke elementen | 61 | 61 | - | 49 | 110 |
| Winst/(verlies) over de periode | 20 | 47 | (57)% | 25 | 72 |
| Onderliggende EPS 7 8 (€) |
0,25 | 0,45 | (44)% | 0,36 | 0,81 |
| Basis-EPS 8 (€) |
0,15 | 0,41 | (63)% | 0,21 | 0,62 |
| Investeringsuitgaven | 56 | 91 | (38)% | 56 | 147 |
| Kasstroom en nettoschuld | |||||
| Netto bedrijfskasstroom | (12) | 224 | 8 | 232 | |
| Nettoschuld/(cash), einde periode | 252 | 296 | 402 | 296 | |
| Schuld/kapitaal-ratio 9 (%) |
17% | 26% | 33% | 26% |
6 Omvat enkel de productie van mijnen en primaire en secondaire smelters. Interne overdracht van kathoden om deze daarna te smelten en gieten zijn niet inbegrepen (ongeveer 21.000 ton in K1 2011 en 17.000 ton in K2 2010). De loodproductie bij ARA is een weerspiegeling van de eigendom van Nyrstar (50%). Productie bij Föhl, Galva 45, Genesis en GM Metal (gesloten in 2010) is niet inbegrepen.
7 De onderliggende maatregelen omvatten geen uitzonderlijke posten in verband met reorganisatiemaatregelen, verliezen door waardevermindering, materiële inkomsten of uitgaven die voortvloeien uit in contract besloten derivaten die opgenomen worden in het kader van IAS 39 en andere posten die voortvloeien uit gebeurtenissen of transacties die duidelijk afwijken van de gewone activiteiten van Nyrstar. De onderliggende EPS houdt geen rekening met het belastingseffect op onderliggende aanpassingen.
8 In verband met het aanbod met voorkeurrecht zijn de vergelijkbare EPS en onderliggende EPS voor H1 2010, H2 2010 en VJ 2010 herberekend om retroactief de impact van het aanbod met voorkeurrecht van maart 2011 weer te geven (aangepast in overeenstemming met IAS 33 Earnings per share). Zie voor meer informatie toelichting 20 in Nyrstar Verkorte Tussentijdse Geconsolideerde Financiële Overzichten voor de periode eindigend op 30 juni 2011.
9 Schuld/kapitaal-ratio: netto schuld tot netto schuld plus eigen vermogen op het einde van de periode.
| H1 2011 | H2 2010 | ∆ % | H1 2010 | FY 2010 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Erts verwerkt ('000 ton) | |||||
| Campo Morado 10 | 322 | 293 | 10% | 317 | 611 |
| Contonga & Pucarrajo | 137 | 65 | 111% | - | 65 |
| Coricancha | 61 | 58 | 5% | - | 58 |
| East Tennessee | 785 | 829 | (5)% | 692 | 1.521 |
| Middle Tennessee | 550 | 349 | 58% | 302 | 651 |
| Tennessee Mines | 1.335 | 1.178 | 13% | 994 | 2.172 |
| Totaal | 1.855 | 1.301 | 42% | 994 | 2.295 |
| Mill head grade (%) zink | |||||
| Campo Morado 10 | 7,68% | 7,77% | (1)% | 8,89% | 8,35% |
| Contonga & Pucarrajo | 4,52% | 4,38% | 3% | 4,38% | |
| Coricancha | 1,36% | 1,78% | (24)% | 1,78% | |
| East Tennessee | 3,28% | 3,53% | (7)% | 3,46% | 3,50% |
| Middle Tennessee | 2,74% | 2,59% | 6% | 2,11% | 2,35% |
| Tennessee Mines | 3,06% | 3,29% | (7)% | 3,05% | 3,15% |
| Mill head grade (%) lood | |||||
| Contonga & Pucarrajo | 0,50% | 0,34% | 47% | - | 0,34% |
| Coricancha | 1,30% | 1,34% | (3)% | - | 1,34% |
| Mill head grade (%) koper | |||||
| Campo Morado 10 | 1,04% | 0,95% | 9% | 1,00% | 0,98% |
| Contonga & Pucarrajo | 0,58% | 0,69% | (16)% | - | 0,69% |
| Mill head grade (g/t) goud | |||||
| Campo Morado 10 | 2,14 | 1,80 | 19% | 2,74 | 2,29 |
| Coricancha | 3,56 | 3,47 | 3% | - | 3,47 |
| Mill head grade (g/t) zilver | |||||
| Campo Morado 10 | 145,00 | 125,74 | 15% | 195,08 | 161,77 |
| Contonga & Pucarrajo | 60,34 | 55,06 | 10% | - | 55,06 |
| Coricancha | 123,24 | 122,50 | 1% | - | 122,50 |
| Terugwinning van zink (%) | |||||
| Campo Morado 10 | 84% | 83% | 1% | 82% | 83% |
| Contonga & Pucarrajo | 89% | 86% | 3% | 86% | |
| Coricancha | 78% | 78% | - | 78% | |
| East Tennessee | 94% | 95% | (1)% | 92% | 94% |
| Middle Tennessee | 90% | 89% | 1% | 84% | 87% |
| Tennessee Mines | 93% | 93% | - | 91% | 92% |
| Terugwinning van goud | |||||
| (%) | |||||
| Coricancha | 77% | 78% | (1)% | 78% |
10 De operationele resultaten van Campo Morado in 2010 werden bereikt onder de vorige eigenaar. Erts verwerkt en metaal in concentraat bij Campo Morado in H1 2010, H2 2010, VJ 2010 zijn niet inbegrepen in de totale productieresultaten.
| '000 ton | H1 2011 | H2 2010 | ∆ % | H1 2010 | FY 2010 |
|---|---|---|---|---|---|
| tenzij anders aangegeven | |||||
| Zink in concentraat | |||||
| Campo Morado 10 | 21 | 19 | 11% | 23 | 42 |
| Contonga & Pucarrajo | 5 | 2 | 150% | - | 2 |
| Coricancha | 1 | 1 | - | - | 1 |
| East Tennessee | 24 | 28 | (14)% | 22 | 50 |
| Middle Tennessee | 14 | 8 | 75% | 5 | 13 |
| Tennessee Mines | 38 | 36 | 6% | 27 | 63 |
| Talvivaara Stream 11 | 15 | 11 | 36% | 7 | 18 |
| Totaal | 79 | 50 | 58% | 34 | 84 |
| Lood in concentraat | |||||
| Contonga & Pucarrajo | 0,4 | 0,1 | 300% | - | 0,1 |
| Coricancha | 0,6 | 0,6 | - | - | 0,6 |
| Totaal | 1,0 | 0,7 | 43% | - | 0,7 |
| Koper in concentraat | |||||
| Campo Morado 10 | 2,3 | 2,0 | 15% | 2,0 | 4,0 |
| Contonga & Pucarrajo | 0,4 | 0,2 | 100% | - | 0,2 |
| Totaal | 2,8 | 0,2 | 1300% | - | 0,2 |
| Goud ('000 troy oz) | |||||
| Campo Morado 10 | 7,8 | 6,7 | 16% | 11,1 | 17,7 |
| Coricancha | 5,5 | 4,7 | 17% | - | 4,7 |
| Totaal | 13,3 | 4,7 | 183% | - | 4,7 |
| Zilver ('000 troy oz) | |||||
| Campo Morado 10 | 844 | 703 | 20% | 1.016 | 1.720 |
| Contonga & Pucarrajo | 198 | 70 | 183% | - | 70 |
| Coricancha | 231 | 201 | 15% | - | 201 |
| Totaal | 1.273 | 271 | 370% | - | 271 |
De Campo Morado activiteit, die door Nyrstar werd verworven in januari 2011, werd goed geïntegreerd in Nyrstar met een stijging van de productie in lijn met de verwachtingen. In H1 2011, verhoogde de Campo Morado activiteit het verwerkt goud tonnage met 10% half jaar op half jaar. Gedurende deze periode verminderde de zink mill head grade licht met 1%; echter, het koper-, goud- en zilvergehalte steeg met respectievelijk 9%, 19% en 15%. Dit had tot gevolg dat de Campo Morado activiteit in H1 2011 bijkomend 11% zink in concentraat, 15% koper, 16% goud en 20% zilver in concentraat produceerde in vergelijking met H2 2010.
De Contonga mijn, die Nyrstar opwerkte van een beroerde eenheid toen het werd verkregen in juli 2010 tot een op volle productiecapaciteit werkende eenheid op het einde van 2010, bleef haar output opvoeren. In H1 2011 verwerkte de eenheid 137.000 ton goud, wat een 111% stijging was in vergelijking met H2 2010 terwijl de zink head grade steeg met 3% gedurende dezelfde periode. De mijn produceerde 5.000 ton zink in concentraat, 400 ton lood in concentraat, 400 ton koper in concentraat en 198.000 troy ounces zilver in concentraat.
De ondervinding van zowel de Contonga mijn als de Campo Morado mijn tonen duidelijk aan dat Nyrstar de mogelijkheden heeft om bij aangekochte mijnen de productie output aanzienlijk te verbeteren bij een geavanceerd stadium in de productie.
11 Leveringen aan Antwerpen in het kader van de zink streaming overeenkomst.
De verwachting is dat de productie in de Contonga mijn in H2 2011 tijdelijk zal worden verlaagd voor een periode van ongeveer 4 maanden om verbeteringswerken uit te voeren die de capaciteit van de verwerkingsinstallatie kunnen opdrijven van 660 tot 990 ton per dag. De uitbreiding is verwacht compleet te zijn bij het begin van K4 2011, mits de nodige toelatingen.
De Coricancha mijn bereikte volle capaciteit op het einde van 2011. Gedurende H1 2011 verhoogde de mijn haar volume aan verwerkt erts met 5% in vergelijking met H2 2010 en verbeterde haar gold head grade met 3%. Tijdelijke onderbrekingen echter in de operaties gedurende H1 2011 beïnvloedden het productieniveau. Zoals vroeger werd medegedeeld heeft zware regenval de werkzaamheden bij de verwerkingsinstallatie verminderd gedurende ongeveer twee weken. Gedurende K2 2011, ondanks het aanzienlijk werk op veiligheidsvlak dat Nyrstar heeft verricht, werd een werknemer dodelijk gewond in de Coricancha mijn op 23 april 2011. Om een volledig en deskundig onderzoek door de Peruviaanse regulators en door Nyrstar mogelijk te maken, en om te verzekeren dat de 'stoping'-procedures in de mijn in overeenstemming waren met Nyrstar's veiligheidseisen, heeft de Vennootschap haar mijn- en verwerkingsactiviteiten voor 18 dagen opgeschort. Verder heeft Nyrstar naar aanleiding van de conclusies van het onderzoek, in overleg met de Peruviaanse mijnbouwautoriteiten, proactief beslist om de productie tot 30% van de capaciteit terug te brengen wegens een gestegen vochtigheidsniveau in de nieuw in bedrijf gestelde tailings faciliteit in Chinchán, door de eerder vermelde zware regenval. Eenmaal de verbeterings- en opvolgingsactiviteiten vervolledigd waren, wat ongeveer 22 dagen in beslag nam, en zowel Nyrstar als de Peruviaanse mijnbouwautoriteiten tevreden waren met de conclusies, begon de productie (begin juni) opnieuw te klimmen tot volle capaciteit. In haar geheel was de productie gestaakt of sterk verminderd gedurende een periode van ongeveer 2 maanden. Ondanks dit steeg de productie in H1 2011 in vergelijking tot H2 2010 ongeveer met 5.500 troy ounce goud en 231.000 troy ounce zilver, een stijging met respectievelijk 17% en 15%.
In de Pucarrajo mijn is de geplande upgrade van mijn- en verwerkingsmateriaal op schema. Nyrstar werkt momenteel aan site toegankelijkheidsoverwegingen samen met de lokale gemeenschap en hoopt een overeenkomst te bereiken binnen enkele maanden. Nadien zullen andere opvoeringsactiviteiten, zoals onderzoeksboringen, starten waarbij de commerciële productie momenteel verwacht wordt in H1 2012, eerder dan op het einde van 2011 zoals eerder aangekondigd werd, met het opvoeren tot volle capaciteit op het einde van 2012.
Het opvoeren van de capaciteit van de Middle Tennessee Mines in H1 2011 was in overeenstemming met richtlijnen ter zake gepubliceerd in de K1 Interim Management Verklaring. Verwerkte volumes erts stegen beduidend in H1 2011 met 58% tot 550.000 ton door het opvoeren van de Cumberland mijn tot volle capaciteit (waarbij ze op gelijk niveau kwam met de Gordonsville mijn die reeds sedert het einde van 2010 op volle capaciteit draaide) en het voortdurende opdrijven van de capaciteit van de Elmwood mijn waarvan verwacht wordt dat ze haar volle capaciteit zal bereiken op het einde van 2011. Daarbij is de bereikte 'zink head grade' in de Middle Tennesse Mines verbeterd met 6% in H1 2011 in vergelijking met H1 2010. Als gevolg daarvan produceerde de Middle Tenessee Mines ongeveer 14.000 ton zink in concentraat, een stijging met 68% in vergelijking met H2 2010.
In H1 2011 heeft East Tennessee Mines, dat sedert het einde van K3 2010 opereerde op volle capaciteit, ongeveer 785.000 ton erts verwerkt, een vermindering met 5% in vergelijking met H2 2010 terwijl de zink head grade eveneens gedaald is met 7%. Het kleiner volume en gedeeltelijk de lagere grades waren te wijten aan tijdelijke falen van technische uitrusting en beschikbaarheid gedurende het tweede kwartaal van 2011. Als gevolg daarvan is de hoeveelheid geproduceerd zink in concentraat gedaald met 14% tot 24.000 ton in H1 2011. Deze tijdelijke problemen worden verwacht volledig opgelost te zijn in K3 2011 en terugkeer naar volledige productie wordt verwacht in K4 2011. Het dalen van de 'head grade' is gedeeltelijk te wijten aan gebrek aan planning van de levensduur van de mijn en het gebrek aan investeringen in mijnplanning door vorige mijneigenaars. Tijdens H1 2011 heeft Nyrstar zich actief gericht op het afbakenen van reserves en middelen van de Tennessee mijnen,
net zoals voor de andere mijnactiviteiten, en het ontwikkelen van duurzame levensduur van de mijn plannen die zullen geïmplementeerd worden over de volgende 12 maanden en waarvan verwacht wordt dat ze zullen leiden tot een verdere groei in productie en inkomsten in overeenstemming met voorgaande richtlijnen.
In H1 2011, heeft de Talvivaara streamingovereenkomst ongeveer 15.000 zink ton in concentraat aan Nyrstar geleverd, een stijging in levering van 36% in vergelijking met H2 2010. Leveringen van concentraat door Talvivaara waren lager dan de verwachtingen van Nyrstar die gebaseerd waren op Talvivaara's vorige jaarproductie verwachtingen. Het geleverde concentraat bevatte ook hogere dan verwachte vochtgehaltes, waardoor Talvivaara het concentraat diende te leveren in container in plaats van in bulk. Dit had een langer logistiek proces tot gevolg bij het leveren van het concentraat tussen de Talvivaara mijn en de Nyrstar haveninstallaties in Antwerpen. De logistieke flessenhals van container vervoer wordt verwacht te duren tot in K4 2011 wanneer Talvivaara verwacht wordt een nieuwe filterpers te plaatsen zoals vroeger reeds werd meegedeeld.
Om tijdelijk deze situatie te verhelpen, heeft Nyrstar op het eind van K1 2011 een mobiel filtersysteem in Antwerpen geplaatst en tezamen met Nyrstar's technische teams, zijn de smelters van de Vennootschap er in geslaagd een beduidend hoger volume Talvivaara-concentraat te verwerken. Gebaseerd op de nikkel productierichtlijn uitgegeven door Talvivaara op 7 april 2011, voorziet Nyrstar ongeveer 44.000 tot 56.000 ton geproduceerd zink in concentraat door Talvivaara in 2011 (gebaseerd op een veronderstelde omrekening van 2 ton zink in concentraat per ton nikkel in concentraat). Wegens de reeds eerder gemelde logistieke redenen, wordt echter verwacht dat de leveringen van Talvivaara aan Nyrstar voor 2011 lager zullen zijn de Talvivaara's productierichtlijnen.
Nyrstar behoudt haar zink in concentraat jaarproductie richtlijn van 215 kt alhoewel het verwacht een aangepaste productierichtlijn te geven, als onderdeel van haar K3 Interim Management Verklaring naar aanleiding van de verwachte afronding van de Breakwater acquisitie.
| '000 ton | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Tenzij anders aangegeven | H1 2011 | H2 2010 | ∆ % | H1 2010 | FY 2010 |
| Zinkmetaal Productie | |||||
| Auby | 79 | 83 | (5)% | 80 | 163 |
| Balen/Overpelt | 165 | 140 | 18% | 141 | 281 |
| Budel | 126 | 139 | (9)% | 125 | 264 |
| Clarksville | 61 | 60 | 2% | 60 | 120 |
| Hobart | 137 | 127 | 8% | 121 | 247 |
| Port Pirie | 14 | 16 | (13)% | 16 | 32 |
| Eliminatie | (21) | (17) | 24% | (13) | (30) |
| Totaal 12 | 561 | 546 | 3% | 530 | 1,076 |
| Loodmetaal Productie | |||||
| Port Pirie | 102 | 92 | 11% | 87 | 179 |
| ARA (50%) | 9 | 9 | - | 10 | 19 |
| Totaal | 111 | 101 | 10% | 97 | 198 |
12 Omvat productie enkel van primaire en secondaire smelters (Auby, Balen en Overpelt, Budel, Clarksville, Hobart, Port Pirie, ARA). Interne transporten van cathode voor daaropvolgende smelting en casting zijn verwijderd in de in eliminatielijn. Productie in Föhl, Galva 45, Genesis en GM Metal (gesloten in 2010) zijn niet inbegrepen.
| Andere producten | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Koper cathode | 2 | 2 | - | 2 | 4 |
| Zilver ('000 troy ounces) | 8.489 | 6.169 | 38% | 7.231 | 13.399 |
| Goud ('000 troy ounces) | 13 | 11 | 18% | 10 | 22 |
| Zwavelzuur | 712 | 739 | (4)% | 706 | 1,444 |
In H1 2011 heeft Nyrstar, in het verlengde van de record jaarproductie van 2010, een record halfjaar bereikt in de zinkmetaal productie van ongeveer 559.000 ton. De productie was in H1 2011 3% hoger dan in H2 2010, voornamelijk te wijten aan een verhoogde productie te Balen/Overpelt (België) en Hobart (Australië). De productie te Balen/Overpelt vermeerderde met 18% in H1 2011 in vergelijking met H2 2010, door het succesvol installeren en gebruik van een nieuwe gietlijn die de productiecapaciteit verhoogde. De zinkmetaal productie in Hobart was in H1 2011 door een indrukwekkende prestatie van de gehele fabriek, inclusief de heringebruikname van de volledige omvormingscapaciteit in maart 2011, 8% hoger dan in H2 2010. De productie in de Clarksville smelterij was in H 2011 eveneens hoger, met 2%. De productie zal echter verminderd worden in K3 2011 wegens de geplande vervanging van de roaster dome (eens om de 35 jaar), die gepland is om ongeveer zes weken te duren.
De productie in de Auby smelterij was in maart 2011 beïnvloed door een staking in de fabriek waardoor de werkzaamheden tijdelijk waren opgeschort. De normale productie herstelde zich in K2 maar de H1 2011 zinkmetaal productie was 5% onder deze van H2 2010. De productie in Budel was beïnvloed door een geplande roaster stop die vervroegd werd van september 2011 tot maart 2011. Vergeleken met H2 2010, was de productie van zinkmetaal 9% lager in H1 2011, wat gevoegd bij de geplande roaster stop eveneens het resultaat is van een recordproductie in Budel in de tweede helft van 2010.
Loodmetaal productie in de Port Pirie multi-metaal smelterij (Australië) steeg met 11% in H1 2011 door de volgehouden verbetering van de sinterfabriek en de hoogoven activiteiten in 2011. Operationele verbeteringen leidden eveneens tot een verhoogde zilver en goud productie, een stijging van respectievelijk 38% en 18% in H1 2011 in vergelijking met H2 2010.
Nyrstar's meetbare ongevallenpercentage was relatief gelijklopend in H1 2011, met een lichte stijging van 2% tot 12,6 in vergelijking met 12,4 in H2 2010, terwijl de verloren tijd ongevallenpercentage steeg met 13% tot 5,2 in H1 2011 in vergelijking met 4,6 in H2 2010. Het meetbare ongevallenpercentage in Nyrstar's smelterijen is momenteel op laagterecordcijfers, terwijl er alleen een bescheiden toename was van meetbare ongevallenpercentages in Nyrstar's mijnen ondanks de gestegen productie in verhouding tot de vooruitzichten en het grote aantal nieuwe werknemers bij de mijnen.
Zoals voordien werd gemeld, werd tragisch genoeg en ondanks het aanzienlijke werk op veiligheidsvlak dat werd verricht door Nyrstar, een arbeider dodelijk gewond bij een incident in de Coricancha mijn op 23 april 2011.
Er waren 12 kleinere meetbare milieu-incidenten in H1 2011, in vergelijking met 17 in H2 2010.
| Gemiddelde prijzen 13 | H1 2011 | H2 2010 | ∆ % | H1 2010 | FY 2010 |
|---|---|---|---|---|---|
| Wisselkoers (€/US\$) | 1,40 | 1,33 | 5% | 1,33 | 1,33 |
| Zinkprijs (US\$/ton, cash settlement) | 2.323 | 2.163 | 7% | 2.155 | 2.159 |
| Loodprijs (US\$/ton, cash settlement) | 2.578 | 2.209 | 17% | 2.085 | 2.148 |
| Koperprijs (US\$/ton, cash settlement) | 9.398 | 7.933 | 18% | 7.130 | 7.539 |
| Zilverprijs (US\$/t.oz, LBMA AM fix) | 34,84 | 22,38 | 56% | 17,62 | 20,19 |
| Goudprijs (US\$/t.oz, LBMA AM fix) | 1.445 | 1.297 | 11% | 1.153 | 1.225 |
De US dollar zakte met 5%, van een gemiddelde van 1,33 in H2 2010 naar een gemiddelde van 1,40 in H1 2011. De waardevermindering van de dollar ten opzichte van de euro had een negatieve invloed op de inkomsten in H1 2011 daar inkomsten grotendeels worden aangegeven in US dollar, terwijl een groot aandeel van de operationele kosten wordt aangegeven in euro.
Brook Hunt schat dat de globale consumptie van geraffineerd zink in H1 2011 6,2 miljoen ton bedroeg, 8,8% meer dan in H2 2010 (5,7 miljoen ton). Tijdens de tweede helft van 2010 resulteerde de sterker dan verwachte prestatie van de maakindustrie in de wereld en het wegvallen van de bekommernissen rond de Griekse financiële crisis in nieuwe risicobereidheid en tot een herstel van de metaalprijzen, met inbegrip van zink, na de prijsdalingen eerder dit jaar. Terwijl de gemiddelde prijs van zink voor H1 2011 7% hoger ligt dan voor H2 2010, was er een scherpe correctie voor zink zowel als andere basismetalen begin maart, grotendeels ten gevolge van politieke instabiliteit in het Midden-Oosten en de nucleaire ramp in Japan. Het verlies aan dynamiek in de zinkprijs en andere basismetalen in de eerste helft van 2011 was minder uitgesproken dan in dezelfde periode in 2010 met een approximatieve correctie van 32,8% tijdens H1 2010 (in vergelijking met een correctie van 6,3% tijdens H1 2011) ten tijde van gelijkaardige bekommernissen zoals het aanhalen van de budgettaire teugels door China en de staatsschuld van de Eurozone. Exchange voorraden bleven, al was het in kleine mate, stijgen in juni. Gecombineerde voorraden van de London Metal en Shanghai Futures Exchanges bedroegen in totaal 1,27Mt, voldoende voor een globale zinkconsumptie gedurende 37 dagen, het hoogste niveau sinds 1994. Terwijl LME voorraden stegen met 23%, bleven financiële deals een aanzienlijke hoeveelheid aan zinkvoorraden blokkeren. De gemiddelde LME zinkprijs steeg 7% tot 2.323 US\$/ton in H1 2011, van 2.163 US\$/ton in H2 2010. De zinkprijs bleef echter volatiel in 2011, waarbij de prijs midden februari omhoog schoot tot 2.546 US\$/ton en vervolgens zakte tot 2.099 US\$/ton nog geen maand later. Vooruit kijkend heeft Brook Hunt de eerdere voorspelling van 12,31Mt onlangs bijgesteld, en projecteert nu dat de zinkconsumptie wereldwijd in 2011 12,47Mt zal bedragen, 5% meer dan in 2010.
Brook Hunt schat dat de globale consumptie van geraffineerd lood in H1 2011 4,8 miljoen ton bedroeg, 1% meer dan in H2 2010 (4,7 miljoen ton). Met een hoeveelheid net onder 360.000 ton, zijn de LME en SHFE loodvoorraaden op hun hoogste niveau sinds het midden van de jaren '90, het equivalent van de wereldconsumptie van ongeveer 13 dagen. De LME loodprijs volgde een gelijkaardig volatiliteitspatroon als zink in 2011, met een gemiddelde prijs in H1 2011 van 2.578 US\$/ton (17% meer dan in H2 2010).
13 Zink-, lood- en koperprijzen zijn gemiddelden van de dagelijkse LME cash settlement prijzen. Zilver- en goudprijzen zijn gemiddelden van de dagelijkse LBMA AM vastgestelde prijzen.
De goudprijs bleef sterk in H1 2011, mede ondersteund door aanhoudende onzekerheid in bepaalde gebieden van de wereldeconomie, in het bijzonder de bekommernissen over de staatsschuld in de Eurozone en de aanhoudende lage rentevoet in de VS. De goudprijs steeg met ongeveer 11% tot een gemiddelde van 1.445 US\$/troy ounce, terwijl de zilverprijs begin 2011 recordniveaus bereikte en eind april tot 48,70 US\$/troy ounce klom en bleef hangen op een gemiddelde prijs in H1 2011 van 34.84 US\$/troy ounce. Volatiliteit was kenmerkend voor zilvercontracten met een sterke correctie na de piek op 28 april, waarbij contractprijzen zakten tot 32.50 \$ per troy ounce op 12 mei 2011.
In H1 2011 bleven de prijzen verkregen door Nyrstar op de verkoop van zwavelzuur, die voornamelijk zijn gebaseerd op contracten dan op de spotmarkt, een stijgende lijn vertonen tot een gemiddelde van ongeveer 80 US\$/ ton. De prijs van zwavelzuur, die sterker werd in de loop van 2010 en hiermee de algehele verbetering van de wereldeconomie weerspiegelde, werd in 2011 opgedreven door de stijgende voedselprijzen.
Nyrstar leverde een stevig onderliggend EBITDA resultaat van 123 miljoen € in H1 2011, vergeleken met 114 miljoen € in H2 2010. Het Mijnsegment zette zijn groei in inkomsten voort met 26 miljoen € onderliggende EBITDA, 53% meer in H1 2011 dan in H2 2010, terwijl het Smeltsegment een onderliggende EBITDA genereerde van 117 miljoen €, een stijging van 4% in vergelijking met H2 2010. De winst na belasting van 20 miljoen €, een daling van 68% in vergelijking met H2 2010, werd negatief beïnvloed door herstructureringskosten gelinkt aan de integratie van Farallon Mining Ltd.; een voortdurende vermindering van minerale reserves in het mijnsegment en hogere financieringskosten tengevolge van het aanbod met voorkeurrecht en de uitgave van obligaties in H1 2011.
| € miljoenen | H1 2011 | H2 2010 | ∆ % | H1 2010 | FY 2010 |
|---|---|---|---|---|---|
| Verwerkingslonen | (26) | (17) | 53% | (10) | (27) |
| Vrij metaal bijdrage | 115 | 78 | 47% | 40 | 118 |
| Bijproducten | 31 | 9 | 244% | - | 9 |
| Andere | (5) | (5) | - | - | (5) |
| Onderliggende Brutowinst | 116 | 66 | 76% | 30 | 96 |
| Werknemerskosten | 29 | 19 | 53% | 8 | 27 |
| Energiekosten | 11 | 6 | 83% | 3 | 9 |
| Andere kosten | 51 | 23 | 122% | 12 | 35 |
| Onderliggende Operationele | |||||
| kosten | 90 | 49 | 84% | 23 | 72 |
| Onderliggende EBITDA | 26 | 17 | 53% | 7 | 24 |
Het mijnsegment leverde een onderliggende EBITDA-bijdrage van 26 miljoen €, een stijging van 53% ten opzichte van H2 2010. De opname van de productie van Campo Morado had een positieve impact op het resultaat, terwijl stijgende productie in de Contonga mijn ook meer inkomsten opleverde in vergelijking met H2 2010. Lager dan verwachte leveringen van concentraat van Talvivaara, tijdelijke beschikbaarheidsproblemen van uitrusting in de East Tennessee Mines, en lagere 'head grades' bij sommige mijnen hadden een impact op de mijnbouwresultaten. Dit resulteerde in een onderliggende EBITDA per ton van 324 € in H1 2011, iets minder dan in H2 2010, (338 €), het was echter 55% meer dan in H1 2010. Daar de mijnen de productie blijven opvoeren in
H2 2011 is het te verwachten dat de onderliggende EBITDA per ton zal verbeteren. Naar verwachting zullen de huidige tijdelijke productieproblemen in H2 2011 zijn opgelost en wordt verwacht dat de inkomsten van het mijnsegment in de tweede helft van 2011 aanzienlijk zullen verbeteren.
De onderliggende brutowinst van het mijnsegment was 116 miljoen € in H1 2011. Smelting verwerkingslonen uitgaven bedroegen 26 miljoen €, een weerspiegeling van stijgende verkoop van zinkconcentraat, terwijl de vrije (te betalen) metaalbijdrage 115 miljoen € bedroeg. Een stijging van 244% in inkomsten van bijproducten naar 31 miljoen € in H1 2011 (9 miljoen € in H2 2010) weerspiegelt het groeiende belang van andere metalen binnen het mijnsegment. Andere Mijnbouw brutowinst, dat realisatiekosten omvat, was (5) miljoen €. Ongeveer 50% van de brutowinst van het mijnsegment werd gegenereerd door intra-bedrijfsverkopen aan het smeltsegment.
De gemiddelde C1 cash kost voor Nyrstar's zinkmijnen (met inbegrip van de Talvivaara zinkstroom) was 1.515 US\$/ton betaalbaar zink in H1 2011, een verbetering van ongeveer 19% ten opzichte van H2 2010. In de Campo Morado mijn was de cash kost 485 US\$/ton, vergeleken met 717 US\$/ton in VJ 2010 tijdens de vorige eigenaar. Het resultaat in de Contonga mijn bedroeg ongeveer 867 US\$/ton, een vermindering van ongeveer 70% ten opzichte van H2 2010 (2.915 US\$/ton) ten gevolge van een hogere productie van zink en andere metalen. De C1 cash kost voor de Tennessee Mines was ongeveer 2.525 US\$/ton betaalbaar zink in H1 2011. De stijging van H2 2010 van 2.069 US\$/ton, is een functie van lagere productie van de East Tennessee Mines. C1 cash kost wordt verwacht te dalen tot ongeveer 1.500 US\$ tot 1.600 US\$/ton tegen eind 2011 wanneer, zoals verwacht, de zes mijnen, die Tennessee Mines vormen, op volle capaciteit werken. De C1 cash kost voor zink geleverd door de Talvivaara zinkstroom was ongeveer 1.028 US\$/ton betaalbaar zink. De C1 cash kost voor Coricancha was ongeveer 1.095 US\$/troy ounce betaalbaar goud, in vergelijking met 940 US\$ in H2 2010. Deze verslechtering is een functie van de tijdelijke productieonderbrekingen in H1 2011. Er wordt verwacht dat de C1 cash kost aanzienlijk zal dalen tot ongeveer negatief 100 US\$ tot negatief 200 US\$ per ounce betaalbaar goud naarmate productie de volle capaciteit herneemt.
| C1 cash kost US\$/betaalbaar ton zink | H1 2011 | H2 2010 | ∆ % | H1 2010 | FY 2010 |
|---|---|---|---|---|---|
| Talvivaara | 1.028 | 1.050 | (2)% | 1.025 | 1.005 |
| Contonga & Pucarrajo | 867 | 2.915 | (70)% | - | 2.915 |
| Tennessee Mines | 2.525 | 2.069 | 22% | 1.715 | 1.901 |
| Campo Morado | 485 | - | - | - | 717 |
| Gemiddelde zink C1 cash kost | 1.515 | 1.879 | (19)% | 1.582 | 1.739 |
| C1 cash kost US\$/betaalbaar troy | |||||
| ounce | |||||
| Coricancha | 1.095 | 940 | 16% | - | 940 |
| € miljoenen | H1 2011 | H2 2010 | ∆ % | H1 2010 | FY 2010 |
|---|---|---|---|---|---|
| Verwerkingslonen | 205 | 205 | - | 224 | 429 |
| Vrije Metaal Bijdrage | 125 | 132 | (5)% | 128 | 260 |
| Premies | 61 | 52 | 17% | 53 | 105 |
| Bijproducten | 100 | 74 | 35% | 41 | 115 |
| Andere | (18) | (28) | (36)% | (53) | (81) |
| Onderliggende Brutowinst | 472 | 434 | 9% | 393 | 827 |
| Werknemerskosten | 100 | 94 | 6% | 93 | 187 |
| Energiekosten 14 | 136 | 128 | 6% | 118 | 246 |
| Andere kosten | 119 | 99 | 20% | 97 | 196 |
| Onderliggende Operationele | |||||
| kosten | 355 | 321 | 11% | 308 | 629 |
| Onderliggende EBITDA | 117 | 113 | 4% | 85 | 198 |
Het smeltsegment leverde ook een sterk inkomstenresultaat met onderliggende EBITDA stijgend met 4% tot 117 miljoen € in H1 2011 in vergelijking met H2 2010. Onderliggende EBITDA per ton steeg tot 209 €, van 207 € in H2 2010 en 160 € in H1 2010. Een aanzienlijke verbetering in de inkomsten van bijproducten en hogere gerealiseerde premiums in H1 2011, compenseerde grotendeels de lagere 2011 benchmark verwerkingslonen, hogere energieprijzen en een sterkere Australische dollar ten opzichte van de Euro.
De onderliggende brutowinst van het smeltsegment steeg met 9% tot 472 miljoen € in H1 2011, ten opzichte van 434 miljoen € in H2 2010. Verwerkingslonen inkomsten van zink en lood bedroegen 205 miljoen € in H1 2011, hetzelfde bedrag als in H2 2010. Terwijl de 2011 zink benchmark verwerkingslonen vastgelegd werden onder die bereikt in 2010, zijn de gemiddelde lood benchmark verwerkingslonen in 2011 hoger dan de equivalente 2010 voorwaarden en in secondary feeds, zoals zinkoxides, heeft Nyrstar gunstige verwerkingslonen voorwaarden bereikt. De vrije metaal bijdrage van 125 miljoen € was 5% minder dan in H2 2010, ten gevolge van de lagere zinkproductie in Port Pirie, wat het smeltsegment een aanzienlijke vrije metaal marge oplevert. De bijdrage van premies was 61 miljoen €, een stijging met 17% ten opzichte van 2010, ten gevolge van verbeterde premies op SHG, commodity grade lead en speciale legeringsproducten. Inkomsten uit bijproducten stegen met 35% in H1 2011 en genereerden 100 miljoen €. Dit was voornamelijk het gevolg van een stijging in de zuur- en andere metaalprijzen, evenals de gestegen productie van zilver en goud in Port Pirie. Smelten andere brutowinst was negatief 18 miljoen € in H1 2011, ten opzichte van negatief 28 miljoen € in H2 2010.
Onderliggende smelting operationele kosten bedroegen 355 miljoen €, een stijging van 11% ten opzichte van H2 2010 (321 miljoen €), ten gevolge van een record zinkproductie, gestegen energieprijzen en een sterkere Australische dollar. Smeltsegment operationele kosten per ton (in euro) steeg in H1 2011 tot 535 € (in euro), ten opzichte van 504 € in H2 2010.
Terwijl er aanzienlijke vooruitgang is geboekt met betrekking tot het "grondstoffenintegratie" initiatief, begon Nyrstar in H1 2011 reeds tastbare financiële resultaten te bereiken onder de "uitmuntendheid in bestaande activiteiten" en "vrijmaken van ongebruikte waarde"-initiatieven. Een duidelijk voorbeeld is Port Pirie waar een "vrijmaken van ongebruikte waarde"-initiatief historische zilver raffinage verliezen van ongeveer 2,1 miljoen troy ounces heeft geïdentificeerd. De erkenning van dit materiaal met een geschatte historische kost van 29 miljoen € is opgenomen in de rubriek Andere Smelting Brutowinst. Van het geïdentificeerd materiaal is ongeveer 1,8
14 Energiekosten omvatten niet het nettoverlies of de nettowinst in de Hobart-smelter embedded energiederivaten (€2m verlies in H1 2011, €3m verlies in H2 2010).
miljoen troy ounces afgedekt tegen een gemiddelde prijs van 39,43 US\$/troy ounce. Nyrstar verwacht dat het herwinnen van dit materiaal zal starten in H2 2011. Een ander voorbeeld van deze initiatieven is ondermeer Nyrstar's "value in use" programma dat meetbare resultaten bereikt door de winstgevendheid van Nyrstar's smelters te maximaliseren door de optimalisering van het pakket aan grondstoffen in hun aanvoer en de mix van de geproduceerde producten.
Het segment Andere en Eliminaties resulteerde in een onderliggende EBITDA bijdrage van (20) miljoen €, bestaande uit een eliminatie van niet-gerealiseerde mijnbouw-inkomsten van ongeveer 3 miljoen € (voor intern verkocht materiaal aan eigen smelters), een netto positieve bijdrage van 2 miljoen € van andere operaties, en andere groepskosten.
Vanaf 30 juni 2011, bedroegen cash en cash equivalenten 618 miljoen €, een stijging van 458 miljoen € vanaf 31 december 2010. Kasstroom van operationele activiteiten in H1 2011 genereerden een uitstroom van 12 miljoen € ten opzichte van een instroom van 224 miljoen € in H2 2010. Dit was voornamelijk het gevolg van een werkingskapitaal uitstroom van 113 miljoen €, gedeeltelijk ten gevolge van hogere gemiddelde zinkprijzen, looden zilverprijzen op 30 juni 2011 in vergelijking met 31 december 2010.
Kasstroom van investeringsactiviteiten in 2011 hebben voornamelijk betrekking op de overname van Farallon Mining voor ongeveer 284 miljoen € (net of cash). Deze uitstromen in H1 2011, staan tegenover 259 miljoen € in H2 2010 en 30 miljoen € in H1 2010 geïnvesteerd in de overname van mijnen, streaming overeenkomsten en mijnbelangen. Verder bedroeg de overname van eigendom, plant en uitrusting 56 miljoen € in H1 2011, ten opzichte van 91 miljoen € in H2 2010.
Cash instromen van financieringsactiviteiten bedroegen 828 miljoen €. Inbegrepen in dit bedrag zijn de 490 miljoen € aan opbrengsten van het aanbod met voorkeurrecht, afgesloten in maart 2011, en de 525 miljoen € die werd verkregen in mei 2011 door de plaatsing van obligaties aan 5.375%, vervallend in 2016. Een deel van deze opbrengsten is gebruikt om het putten uit bestaande kredietfaciliteiten op korte termijn te verminderen, vóór ze nodig zijn voor overnamefinanciering. Tijdens H1 2011 kocht Nyrstar ook 2.765.000 eigen aandelen voor ongeveer 26 miljoen € (netto cash beweging was ongeveer 18 miljoen €), overeenkomstig de toestemming van de Raad van Bestuur om eigen Nyrstar aandelen te kopen, vernieuwd op de Buitengewone Algemene Vergadering op 26 mei 2009.
De netto schuld op 30 juni 2011 bedroeg 252 miljoen € tegen 296 miljoen € op 31 december 2010.
Kapitaaluitgaven bedroegen ongeveer 56 miljoen € in H1 2011, inclusief ongeveer 26 miljoen € voor de mjinen. Kapitaaluitgaven voor smelters bedroegen ongeveer 26 miljoen € in H1 2011, deze omvatten zowel onderhoud als groei-uitgaven. Daarnaast werd ongeveer 4 miljoen € geïnvesteerd in andere operaties en bedrijfskantoren.
De belangrijkste belastingjurisdicties waarin Nyrstar in H1 2011 opereerde waren Australië, België, Frankrijk, Mexico, Nederland, Peru, Zwitserland en de Verenigde Staten. Uitgaven voor inkomstenbelasting is gebaseerd op de beste schatting van het management van het gewogen gemiddelde van de jaarlijkse inkomstenbelastingvoet verwacht voor het volledige financiële jaar. De belastingvoet voor H1 2011 (gebaseerd op de geschatte gemiddelde jaarlijkse belastingvoet voor het jaar tot 31 december 2011) is 18%. Nyrstar heeft fiscale verliezen geaccumuleerd in sommige van deze jurisdicties waar zij werkzaam is en er zijn uitgestelde
belastingvoordelen opgenomen in de mate dat het waarschijnlijk is dat toekomstige belastbare bedragen beschikbaar worden. Nyrstar verwacht voordeel te hebben bij deze uitgestelde belastingvoordelen door een verlaging van haar feitelijke cash belastingbetalingen tot dergelijke uitgestelde belastingvoordelen opgebruikt zijn of vervallen.
In januari 2011, verwierf Nyrstar Farallon Mining Ltd. ("Farallon"), eigenaar van de Campo Morado activiteit, ten gevolge van een vriendelijke overname voor ongeveer 409 miljoen CAD (296 miljoen €). De Campo Morado activiteit is een zink-rijke poly-metaal mijn in Mexico. De ertsafzetting die momenteel ontgonnen wordt is de G-9 ertslaag die in commerciële productie ging in april 2009 en die hoogwaardig zink, koper, lood, goud en zilver bevat. Bovenop de G-9 ertslaag, werden er 4 andere ertslagen afgelijnd (Reforma, El Largo, El Rey, Naranjo). Nyrstar drijft momenteel de productie op tot een verwachte hoeveelheid van 2.500 ton erts per dag op het eind van 2012, goed voor een productie van ongeveer 70.000 ton per jaar zink in concentraat, 8.000 ton koper in concentraat, 7.000 ton lood in concentraat, 3 miljoen troy ounces zilver en 35.000 ton troy ounces goud. Als deel van de integratie van Farallon Mining en de Campo Morado activiteit in Nyrstar, werd in H1 2011 het hoofdkantoor in Vancouver gesloten, en werden activiteiten ofwel naar de site getransfereerd, ofwel naar Nyrstar's corporate office in Zurich overgebracht.
In juni 2011, kondigde Nyrstar een bindend akkoord aan om Breakwater Resources Ltd. (TSX: BWR) ("Breakwater") te verwerven, dit als gevolg van een vriendelijk overnamebod voor 7 CAD cash per gewoon aandeel, wat een totaalwaarde van ongeveer 619 miljoen CAD (442 miljoen €) vertegenwoordigde. Daarnaast wordt een speciaal dividend van 0,50 CAD per gewoon aandeel uitgekeerd aan de Breakwater aandeelhouders op de werkdag onmiddellijk voorafgaand aan de opname van de aandelen door Nyrstar als gevolg van het aanbod. Dit representeert een totale waarde van ongeveer 44 miljoen CAD (32 miljoen €) die door Breakwater dient betaald te worden. Het Nyrstar aanbod, tezamen met het Breakwater speciaal dividend, houdt ongeveer een totale transactiewaarde van 663 miljoen CAD (473 miljoen €) in naar de Breakwater aandeelhouders toe op een geheel verwaterde basis ( inclusief aandelen uitgegeven na de conversie van opties en warrants).
Nyrstar heeft vandaag aangekondigd dat de verstrijkingstermijn van het aanbod om Breakwater Resources Ltd te verwerven is verlengd van 29 juli 2011 tot 25 augustus 2011. De uitbreiding van het aanbod is te wijten aan het wettelijke goedkeuringsproces en de daarmee samenhangende herzieningsperioden van de door de mededingingsautoriteit vereiste neerleggingen, en de goedkeuring vereist krachtens de Investment Canada Act. Alle inzendingen zijn gemaakt en worden beoordeeld door de bevoegde autoriteiten in het normale verloop. Nyrstar en Breakwater werken nauw samen met elk van de regelgevende instanties en er zijn geen problemen opgemerkt. Zowel Nyrstar als Breakwater verwachten dat de vereiste goedkeuringen zullen worden ontvangen vóór 25 augustus 2011. Alle overige bepalingen en voorwaarden van het bod beschreven in het aanbod van Nyrstar en de circulaire van 23 juni 2011 blijven hetzelfde.
Breakwater's activiteiten bestaan uit vier poly-metaal mijnen, El Toqui in Chili, El Mochito in Honduras, Myra Falls in Brits Columbia Canada, en Langlois in Quebec Canada (Langlois drijft momenteel zijn activiteiten op en verwacht in K1 2012 de productie terug op te starten). Tezamen hebben deze activiteiten een jaarproductie capaciteit van ongeveer 140.000 ton zink in concentraat, 14.000 ton lood in concentraat, 6.000 ton koper in concentraat, 2,3 miljoen troy ounces zilver en 40.000 ton troy ounces goud waardoor Nyrstar's totale mijnproductie in belangrijke mate opgedreven wordt.
In mei 2011 voltooide Nyrstar met succes de plaatsing van obligaties aan 5,375%, vervallend in 2016 (de "Obligaties") door een openbare uitgifte in België en Luxemburg. Ten gevolge van de grote vraag werd de uitgifte vergroot van 150 miljoen € naar 525 miljoen €.
In maart 2011, voltooide Nyrstar met succes de uitgifte van een aanbod met voorkeurrecht ten bedrage van ongeveer 490 miljoen €. Gedurende de inschrijfperiode voor de rechten werd 95% van het totale aantal van 70.009.282 rechten uitgeoefend om in te schrijven voor een gelijk aantal nieuwe aandelen in Nyrstar. De resterende 5% van de rechten werd omgezet in een gelijk aantal scrips en verkocht door de verzekeraars van het aanbod door een versnelde book building procedure met institutionele beleggers.
Eind juni 2011, breidde Nyrstar de Commodity Grade Afname-overeenkomst met de Glencore Group uit tot eind 2018 voor de verkoop en marketing van de commodity grade zink- en loodmetaal geproduceerd door Nyrstar (in november 2008 aangegaan (de "Afname-overeenkomst")). De Afname-overeenkomst stelt Nyrstar in staat om zich te blijven concentreren op groeiende verkoop binnen de hogere marge van de markten met toegevoegde waarde voor zink en legeringen, terwijl ze de commodity grade producten verkoopt tegen marktpremiums aan de Glencore Group.
.
De resultaten van de Vennootschap worden in belangrijke mate beïnvloed door schommelingen in metaalprijzen, wisselkoersen en Verwerkingslonen (VLs). Gevoeligheden voor schommelingen in deze parameters worden weergegeven in onderstaande tabel, die de geschatte impact van een verandering in elk van de parameters aangeeft op de onderliggende EBITDA voor een vol jaar van het bedrijf, gebaseerd op de feitelijke resultaten en het productieprofiel voor de eerste helft van het jaar eindigend op 30 juni 2011.
| HY 2011 | ||||
|---|---|---|---|---|
| Geschatte EBITDA | ||||
| impact in € | ||||
| miljoenen op | ||||
| Parameter | Variabele | jaarbasis | ||
| Zinkprijs | +/- US\$100/ton | +/-28 | ||
| Loodprijs | +/- US\$100/ton | +/- 0 | ||
| US\$/€ | +/- €0,01 | +/- 6 | ||
| A\$/€ | +/- €0,01 | -/+ 4 | ||
| Zink VL | +/- US\$25/dmt15 | +/- 30 | ||
| Lood VL | +/- US\$25/dmt | +/- 3 |
Bovenstaande gevoeligheden werden berekend door de onderliggende operationele prestatie van de Vennootschap van H1 2011 aan te passen. Elke parameter is gebaseerd op een gemiddelde waargenomen waarde tijdens die periode en is afzonderlijk gewijzigd om de EBITDA-impact op jaarbasis vast te stellen.
Gevoelige punten zijn:
15 Dmt: dry metric tonnes van concentraat.
Deze gevoeligheden moeten niet worden toegepast op de resultaten van de Vennootschap voor enige vroegere periodes en zijn mogelijk niet representatief voor de EBITDA gevoeligheid van de schommeling naar de toekomst toe.
| Smelten | Mijnen | Andere en | Groep | |
|---|---|---|---|---|
| In miljoen € Tenzij anders aangegeven |
H1 2011 | H1 2011 | Eliminaties H1 2011 |
H1 2011 |
| Zink in concentraat ('000 ton) | - | 79 | - | 79 |
| Zinkmarkt metaal ('000 ton) | 561 | - | - | 561 |
| Loodmarkt metaal ('000 ton) | 111 | - | - | 111 |
| Zwavelzuur ('000 ton) | 712 | - | - | 712 |
| Inkomsten | 1.543 | 61 | 18 | 1.622 |
| Onderliggende EBITDA | 117 | 26 | (20) | 123 |
| Kapitaaluitgaven | 26 | 26 | 4 | 56 |
| - | ||||
| Elementen van Brutowinst | - | |||
| Verwerkingslonen | 205 | (26) | - | 179 |
| Vrij metaal | 125 | 115 | - | 240 |
| Premies | 61 | - | 61 | |
| Bijproducten | 100 | 31 | - | 131 |
| Andere | (18) | (5) | 4 | (19) |
| Onderliggende brutowinst | 472 | 116 | 4 | 592 |
| - | ||||
| Operationele kosten | - | |||
| Personeelskosten | 100 | 29 | 30 | 158 |
| Energiekosten | 136 | 11 | 1 | 147 |
| Andere uitgaven | 119 | 51 | (5) | 165 |
| Onderliggende operationele kosten | 355 | 90 | 25 | 471 |
| Smelten | Mijnen | Andere en | Groep | |
|---|---|---|---|---|
| In miljoenen € Tenzij anders aangegeven |
H2 2010 | H2 2010 | Eliminaties H2 2010 |
H2 2010 |
| Zink in concentraat ('000 ton) | - | 50 | - | 50 |
| Zinkmarkt metaal ('000 ton) | 546 | - | - | 546 |
| Loodmarkt metaal ('000 ton) | 101 | - | - | 101 |
| Zwavelzuur ('000 ton) | 739 | - | - | 739 |
| Inkomsten | 1.390 | 13 | 17 | 1.419 |
| Onderliggende EBITDA | 113 | 17 | (16) | 114 |
| Kapitaaluitgaven | 54 | 32 | 3 | 91 |
| Elementen van brutowinst | ||||
| Verwerkingslonen | 205 | (17) | - | 189 |
| Vrij metaal | 132 | 78 | - | 210 |
| Premies | 52 | 0 | - | 52 |
| Bijproducten | 74 | 9 | - | 83 |
| Andere | (28) | (5) | (4) | (36) |
| Onderliggende bruto winst | 434 | 66 | (4) | 496 |
| - | ||||
| Operationele kosten | - | |||
| Personeelskosten | 94 | 19 | 32 | 146 |
| Energiekosten | 128 | 6 | 0 | 134 |
| Andere uitgaven | 99 | 23 | (19) | 104 |
| Onderliggende operationele kosten | 321 | 49 | 15 | 384 |
Volgende tabel geeft de aansluiting weer van het "Resultaat van bedrijfsactivititeiten voor uitzonderlijke items" met Nyrstar's "EBITDA" en "Onderliggende EBITDA".
"EBITDA" is een niet-IFRS maatregel die het resultaat omvat van bedrijfsactiviteiten, vóór depreciatie en amortisatie, plus Nyrstar's aandeel in de winst of verlies van investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode.
"Onderliggende EBITDA" is een bijkomende niet-IFRS maatregel van inkomsten, die Nyrstar voorlegt om meer inzicht te bieden in de onderliggende business performance van haar activiteiten. Onderliggende EBITDA omvat geen items die verband houden met reorganisatiemaatregelen, bijzondere waardeverminderingen, materieel inkomen of kosten voortvloeiend uit in contracten besloten derivaten opgenomen onder IAS 39 en andere items voortvloeiend uit gebeurtenissen of transacties die het management beschouwt als duidelijk verschillend van de gewone activiteiten van Nyrstar.
| € miljoenen | H1 2011 | H2 2010 | H1 2010 | VJ 2010 |
|---|---|---|---|---|
| Resultaat van bedrijfsactiviteiten voor buitengewone items | 61 | 61 | 49 | 110 |
| Uitputting, depreciatie- en amortisatiekosten | 59 | 50 | 32 | 82 |
| Aandeel van winst / (verlies) van investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode |
1 | 1 | 2 | 3 |
| (a) Reorganisatiekosten |
(9) | (4) | (7) | (11) |
| (b) Bijzondere waardeverminderingen / terugnemingen |
- | 0 | (1) | (1) |
| Nettowinst na afstoting van dochtervennootschappen | - | - | - | 0 |
| EBITDA | 111 | 108 | 75 | 183 |
| Onderliggende aanpassingen | ||||
| Add back (bijtelling): | ||||
| (a) Reorganisatiekosten |
9 | 4 | 7 | 11 |
| (b) Bijzondere waardeverminderingen / (terugnemingen) |
- | (0) | 1 | 1 |
| Nettoverlies / (-winst) na afstoting van dochtervennootschappen | - | - | - | 0 |
| Nettoverlies / (-winst) op Hobart Smelter in contracten besloten (c) derivaten |
2 | 3 | 10 | 13 |
| Onderliggende EBITDA | 123 | 114 | 93 | 207 |
De items die niet zijn opgenomen in het "Resultaat van bedrijfsactiviteiten voor buitengewone items en uitputting, depreciatie en amortisatie" wanneer we bij "Onderliggende EBITDA" komen zijn de volgende:
(a) Er zijn reorganisatiekosten gemaakt voor 9 miljoen € in H1 2011 (4 miljoen € in H2 2010), voornamelijk in verband met de overname van Farallon, met inbegrip van de sluiting van het Farallon bedrijfskantoor. Er zijn ook kosten gemaakt in verband met de verplaatsing van enkele andere bedrijfsfuncties naar het nieuwe bedrijfskantoor in Zurich, Zwitserland.
(b) In 2010 werd een bijzondere waardevermindering opgenomen van € 0.9 miljoen op verbeteringen aan geleasede activa ten gevolge van de aangekondigde verplaatsing van het bedrijfskantoor van Londen naar Zurich. In 2009 werd een herziening toegepast voor Nyrstar Yunnan Zinc Alloys Co. Ltd activa en verplichtingen als aangehouden voor verkoop, wat leidde tot een terugneming van 4 miljoen € van voorheen opgenomen bijzondere waardeverminderingen. Daarnaast werd een bijzondere waardevermindering opgenomen van 2 miljoen € met betrekking tot de vaste activa van GM Metal toen Nyrstar de geplande sluiting aankondigde in 2009. Er waren geen bijzondere waardeverminderingen of terugnemingen in H1 2011.
(c) Het elektriciteitscontract van de Hobart smelter bevat een in het contract besloten derivaat dat is aangeduid als een in aanmerking komende cash flow hedge (kasstroomafdekking). In de mate dat de afdekking effectief is, worden veranderingen in zijn reële waarde rechtstreeks opgenomen in eigen vermogen, terwijl veranderingen in de reële waarde, naarmate de afdekking niet effectief is, opgenomen worden in het geconsolideerde winst- en verliesrekening. Daar de afdekking gedeeltelijk niet-
effectief is, werd de negatieve verandering in de reële waarde van 2 miljoen € (H2 2010: 3 miljoen €) op het effectieve deel van de afdekking opgenomen als een kostenpost in energiekosten binnen de geconsolideerdfe winst- en verliesrekening. De impact op de winst- en verliesrekening is teruggenomen van EBITDA ter berekening van de onderliggende EBITDA van het bedrijf.
Dit persbericht bevat toekomstgerichte uitspraken (forward-looking statements) die een weerspiegeling zijn van Nyrstar's intenties, overtuigingen of huidige verwachtingen betreffende, onder andere: Nyrstar's resultaten, financiële positie, liquiditeit, performance, vooruitzichten, groei, strategieën en de sector waarin Nyrstar actief is. Deze forward-looking statements zijn onderhevig aan risico's, onzekerheden en veronderstellingen en andere factoren die tot gevolg zouden kunnen hebben dat Nyrstar's huidige resultaten, financiële positie, liquiditeit, performance, vooruitzichten of kansen, evenals van die van de markten aan wie zij levert of van plan is te leveren, wezenlijk kunnen verschillen van die vermeld in, of voorgesteld door, deze forward-looking statements. Nyrstar waarschuwt u dat forward-looking statements geen garanties zijn voor toekomstige performance en dat haar huidige resultaten, financiële positie en liquiditeit en de ontwikkeling van de sector waarin Nyrstar actief is wezenlijk kunnen verschillen van die gemaakt in of voorgesteld door de forward-looking statements in dit persbericht. Bovendien, zelfs als Nyrstar's resultaten, financiële positie, liquiditeit, groei en de ontwikkeling van de sector waarin Nyrstar actief is in lijn lopen met de forward-looking statements in dit persbericht, is het mogelijk dat deze resultaten of ontwikkeling niet alles zeggen over de resultaten of ontwikkelingen in de toekomst. Nyrstar en elkeen van zijn bestuurders, leidinggevenden en medewerkers verwerpen uitdrukkelijk elke verplichting of taak om enige forward-looking statements in dit rapport te herzien, bij te werken of enige update of herzieningen van forward-looking statements in dit rapport, of enige verandering van Nyrstar's verwachtingen of enige verandering van gebeurtenissen, omstandigheden waarop deze forward-looking statements zijn gebaseerd, uit te geven, uitgezonderd wanneer dit wordt vereist door toepasselijk recht of regelgeving.
De partner bij uitstek voor essentiële grondstoffen voor de ontwikkeling van een veranderende wereld. Nyrstar is een vooraanstaande wereldwijde multimetalenonderneming, die aanzienlijke hoeveelheden zink en lood produceert net als andere metalen waaronder zilver, goud en koper. Nyrstar is genoteerd op NYSE Euronext Brussel onder het symbool NYR. Voor verdere informatie kunt u de website van Nyrstar bezoeken, www.nyrstar.com.
Nyrstar Verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten
30 juni 2011
| Zes maanden tot |
Zes maanden tot |
||
|---|---|---|---|
| In miljoen € | Toelichting | 30 juni 2011 | 30 juni 2010 |
| Opbrengsten | 1.622,2 | 1.276,9 | |
| Grondstoffen | (1.007,0) | (826,5) | |
| Transportkosten | (22,9) | (20,3) | |
| Bruto winst | 592,3 | 430,1 | |
| Overige baten | 6,6 | 6,6 | |
| Lasten uit hoofde van personeelsbeloningen | (158,5) | (118,2) | |
| Energiekosten | (149,3) | (131,6) | |
| Verbruiksgoederen en hulpstoffen | (72,9) | (48,9) | |
| Kosten van uitbesteding en adviesdiensten | (70,1) | (34,3) | |
| Overige lasten | (28,6) | (22,2) | |
| Afschrijvingskosten en waardeverminderingen | (58,7) | (32,5) | |
| Resultaat uit operationele activiteiten vóór uitzonderlijke elementen 1 |
60,8 | 49,0 | |
| Reorganisatiekosten | 16 | (9,1) | (7,2) |
| Waardevermindering (toevoeging) / terugneming |
12 | - | (0,8) |
| Resultaat uit operationele activiteiten | 51,7 | 41,0 | |
| Financieringsbaten | 1,1 | 0,4 | |
| Financieringslasten | (26,5) | (16,0) | |
| Netto winst/(verlies) uit wisselkoersverschillen | (2,3) | 3,2 | |
| Netto financieringsbaten / (-lasten) | 7 | (27,7) | (12,4) |
| Aandeel in de winst van volgens de 'equity'- | |||
| methode verwerkte deelnemingen | 1,0 | 1,8 | |
| Winst vóór winstbelasting | 25,0 | 30,4 | |
| Winstbelastingvoordeel / (last uit hoofde van | 8 | ||
| winstbelastingen) | (4,5) | (5,5) | |
| Winst over de periode | 20,5 | 24,9 | |
| Toerekenbaar aan: | |||
| Houders van eigenvermogensinstrumenten van de moedermaatschappij |
20,4 | 24,9 | |
| Minderheidsbelang | 0,1 | - | |
| 20,5 | 24,9 | ||
| Winst per aandeel voor de winst die | |||
| toerekenbaar is aan de houders van | |||
| eigenvermogensinstrumenten van de | |||
| Vennootschap tijdens de periode (uitgedrukt in | |||
| euro per aandeel)2 | |||
| - gewoon | 20 | 0,15 | 0,21 |
| - verwaterd | 20 | 0,17 | 0,22 |
1Uitzonderlijke elementen zijn de elementen van financiële prestatie die volgens de Groep afzonderlijk opgenomen moeten worden in de winst-en-verliesrekening om een beter inzicht te verschaffen in de financiële prestaties van de Groep.
2 Met betrekking tot de uitgifte van rechten zijn de vergelijkende winsten per aandeelhoeveelheid voor 30 juni 2010 gewijzigd. Voor details, zie toelichting 20.
De bijgaande toelichtingen maken integraal deel uit van deze verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten.
| Zes maanden tot |
Zes maanden tot |
||
|---|---|---|---|
| In miljoen € | Toelichting | 30 juni 2011 | 30 juni 2010 |
| Winst over de periode | 20,5 | 24,9 | |
| Valutaomrekeningsverschillen | (56,4) | 51,8 | |
| Toegezegd-pensioenregelingen - actuariële winsten en verliezen | (0,3) | 0 | |
| Effectieve deel van veranderingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingen |
10,9 | (11,9) | |
| Wijziging in de reële waarde van investeringen in aandelen | (2,0) | (1,5) | |
| Winstbelastingen op direct in het eigen vermogen opgenomen baten en lasten |
8 | - | 3,6 |
| Overige totale inkomsten voor de periode, na belastingen | (47,8) | 42,0 | |
| Totale inkomsten voor de periode | (27,3) | 66,9 | |
| Toerekenbaar aan: | |||
| Houders van eigenvermogensinstrumenten van de moedermaatschappij |
(27,4) | 66,9 | |
| Minderheidsbelang | 0,1 | - | |
| Totale inkomsten voor de periode | (27,3) | 66,9 |
De bijgaande toelichtingen maken integraal deel uit van deze verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten.
| In miljoen € | Toelichting | Per 30 juni 2011 | Per 31 december 2010* |
|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||
| Vaste activa | |||
| Materiële vaste activa Immateriële activa |
12 9 |
1.072,7 87,2 |
759,2 18,7 |
| Investeringen in volgens de "equity"-methode | 50,9 | ||
| verwerkte deelnemingen | 51,0 | ||
| Investeringen in aandelen | 8,3 | 9,8 | |
| Zinkaankooprechten | 11 | 225,9 | 247,3 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 22,4 | 13,5 | |
| Overige financiële activa | 24,9 | 23,7 | |
| 1.492,4 | 1.123,1 | ||
| Vlottende activa | |||
| Voorraden | 13 | 607,3 | 556,6 |
| Handels- en overige vorderingen | 263,0 | 209,6 | |
| Vooruitbetalingen | 8,8 | 9,5 | |
| Actuele ibelastingvorderingen | 5,1 | 7,2 | |
| Overige financiële activa | 27,5 | 36,8 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 618,2 | 160,6 | |
| 1.529,9 | 980,3 | ||
| Totale activa | 3.022,3 | 2.103,4 | |
| EIGEN VERMOGEN | |||
| Eigen vermogen toerekenbaar aan houders van | |||
| eigen-vermogensinstrumenten van de | |||
| moedermaatschappij | |||
| Aandelenkapitaal en uitgiftepremies | 1.704,4 | 1.255,4 | |
| Reserves | (266,0) | (258,3) | |
| Overgedragen winst | (201,4) 1.237,0 |
(169,0) 828,1 |
|
| Minderheidsbelang | 4,3 | 4,2 | |
| Totaal eigen vermogen | 1.241,3 | 832,3 | |
| VERPLICHTINGEN | |||
| Langlopende verplichtingen | |||
| Leningen en opgenomen gelden Uitgestelde belastingverplichtingen |
14 8,9 |
855,1 116,0 |
443,4 54,0 |
| Voorzieningen | 16 | 117,1 | 115,3 |
| Personeelsbeloningen | 48,4 | 52,2 | |
| Overige financiële verplichtingen | 0,6 | - | |
| Overige niet korte termijn verplichtingen | 9 | 68,2 | - |
| Overige verplichtingen | 10 | 4,2 | 12,1 |
| 1.209,6 | 677,0 | ||
| Kortlopende verplichtingen | |||
| Handelsschulden en overige schulden | 357,2 | 314,0 | |
| Actuele belastingverplichtingen | 18,7 | 13,9 | |
| Leningen en opgenomen gelden | 14 | 15,0 | 13,4 |
| Voorzieningen | 16 | 32,6 | 43,3 |
| Personeelsbeloningen | 35,3 | 44,7 | |
| Overige financiële verplichtingen | 14,0 | 30,2 | |
| Latente inkomsten | 86,5 | 107,0 | |
| Overige verplichtingen | 10 | 12,1 | 27,6 |
| 571,4 | 594,1 | ||
| Totale verplichtingen | 1.781,0 | 1.271,1 | |
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 3.022,3 | 2.103,4 |
* Aangepast voor correcties aan de voorlopige boekhouding voor de verwerving van de Contonga- en Pucarajjo-mijnen (zie toelichting 9)
De bijgaande toelichtingen maken integraal deel uit van deze verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten.
| In miljoen € | Aandelen kapitaal |
Uitgifte premies |
Reserves | Over gedragen winst |
Totaal bedrag toerekenbaar aan eigenaars |
Minder heids belangen |
Totaal eigen vermogen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Saldo op 1 januari 2011 |
1.176.9 | 78,5 | (258,3) | (169,0) | 828,1 | 4,2 | 832,3 |
| Winst of verlies | - | - | - | 20,4 | 20,4 | 0,1 | 20,5 |
| Overige totale inkomsten | - | - | (49,0) | 1,2 | (47,8) | - | (47,8) |
| Kapitaalverhoging | 1.043,6 | (569,2) | - | - | 474,4 | - | 474,4 |
| Wijziging in nominale waarde | (843,1) | 843,1 | 68,6 | (68,6) | - | - | - |
| Teruggekochte eigen aandelen | - | - | (28,9) | 11,3 | (17,6) | - | (17,6) |
| Uitkeringen aan aandeelhouders (kapitaalvermindering) |
(25,5) | - | - | - | (25,5) | - | (25,5) |
| Omrekening van obligaties | 0,1 | - | - | - | 0,1 | - | 0,1 |
| Dividenden | - | - | - | - | - | - | - |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | - | 1,6 | 3,3 | 4,9 | - | 4,9 |
| Saldo op 30 juni 2011 |
1.352,0 | 352,4 | (266,0) | (201,4) | 1.237,0 | 4,3 | 1.241,3 |
| In miljoen € | Aandelen kapitaal |
Uitgifte premies |
Reserves | Over gedragen winst |
Totaal bedrag toerekenbaar aan eigenaars |
Minder heids belangen |
Totaal eigen vermogen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Saldo op 1 januari 2010 |
1.176,9 | 78,5 | (230,0) | (252,0) | 773,4 | 6,2 | 779,6 |
| Winst of verlies | - | - | - | 24,9 | 24,9 | - | 24,9 |
| Overige totale inkomsten | - | - | 42,0 | - | 42,0 | - | 42,0 |
| Teruggekochte eigen aandelen | - | - | (49,4) | 20,1 | (29,3) | - | (29,3) |
| Dividenden | - | - | - | (10,0) | (10,0) | - | (10,0) |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | 2,3 | 2,3 | - | 2,3 |
| Saldo op 30 juni 2010 |
1.176,9 | 78,5 | (237,4) | (214,7) | 803,3 | 6,2 | 809,5 |
De bijgaande toelichtingen maken integraal deel uit van deze verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten.
| In miljoen € | Toelichting | Zes maanden tot 30 juni 2011 |
Zes maanden tot 30 juni 2010 |
|---|---|---|---|
| Kasstromen uit operationele activiteiten | |||
| Winst over de periode | 20,5 | 24,9 | |
| Gecorrigeerd voor: | |||
| Afschrijvingskosten en waardeverminderingen | 58,7 | 32,5 | |
| Winstbelasting(voordeel)/lasten uit hoofde van | 4,5 | 5,5 | |
| winstbelastingen Netto financieringslasten /(-baten) |
27,7 | 12,4 | |
| Winst uit reële waardeaanpassing van investeringen in | - | (3,8) | |
| aandelen | |||
| Aandeel in de winst van volgens de 'equity'-methode | (1,0) | (1,8) | |
| verwerkte deelnemingen Waardevermindering / (terugname van waardevermindering) |
12 | - | 0,8 |
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen | 2,3 | ||
| gebaseerde betalingstransacties | 0,8 | ||
| (Winst) / verlies op de verkoop van materiële vaste activa | 12 | (0,1) | (3,2) |
| 90,6 | 69,6 | ||
| Voorraadwijzigingen | (84,1) | 132,7 | |
| Wijzigingen in handels- en overige vorderingen | (61,5) | (70,3) | |
| Wijzigingen in vooruitbetalingen | 1,4 | (0,2) | |
| Wijzigingen in overige financiële activa en verplichtingen en | 31,4 | 64,5 | |
| overige niet-monetaire elementen | (117,6) | ||
| Wijzigingen in handelsschulden en overige schulden en latente inkomsten |
33,1 | ||
| Wijzigingen in overige verplichtingen | (23,1) | (51,4) | |
| Wijziging in voorzieningen en personeelsbeloningen | (17,0) | (16,3) | |
| Betaalde winstbelasting | (3,6) | (3,2) | |
| Netto-instroom (-uitstroom) van kasmiddelen uit operationele activiteiten |
12,3 | 7,8 | |
| Kasstromen uit investeringsactiviteiten | |||
| Verwerving van materiële vaste activa | 12 | (52,3) | (56,0) |
| Verwerving van immateriële activa | (3,7) | - | |
| Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste activa Verwerving van zinkaankooprechten |
11 | 0,3 - |
5,2 (242,6) |
| Verwerving van investeringen in volgens de 'equity'-methode | - | (10,8) | |
| verwerkte deelnemingen | |||
| Overname van dochteronderneming na aftrek van | 9 | (283,8) | - |
| verworven geldmiddelen Verwerving van investeringen in aandelen |
(0,3) | (5,1) | |
| Ontvangen rente | 1,2 | 1,0 | |
| Uitkeringen van geassocieerde deelnemingen | - | 1,9 | |
| Netto-instroom (-uitstroom) van kasmiddelen uit | (338,6) | (306,4) | |
| investeringsactiviteiten | |||
| Kasstromen uit financieringsactiviteiten | |||
| Kapitaalverhoging | 17 | 474,4 | - |
| Opbrengsten uit leningen | 14 | 530,8 | 366,7 |
| Aflossingen van leningen | 14 | (134,5) | (5,1) |
| Terugkopen van eigen aandelen | 19 | (18,4) | (27,2) |
| Betaalde rente Uitkeringen aan aandeelhouders |
15 | (24,2) - |
(7,5) (10,0) |
| Netto-instroom (-uitstroom) van kasmiddelen uit | 828,1 | 316,9 | |
| financieringsactiviteiten | |||
| Netto toename / (afname) van geldmiddelen | 477,2 | 18,3 |
|---|---|---|
| Geldmiddelen aan het begin van de verslagperiode | 160,6 | 84,0 |
| Valutaschommelingen | (19,6) | 2,9 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het eind van de | 618,2 | 105,2 |
| verslagperiode |
De bijgaande toelichtingen maken integraal deel uit van deze verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten.
Nyrstar NV ('Nyrstar' of de 'Vennootschap') is een in België gevestigde vennootschap. De verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten van de Vennootschap per en voor de periode van zes maanden tot 30 juni 2011 omvatten de Vennootschap en haar dochterondernemingen (gezamenlijk de 'Groep' en individueel 'Groepsentiteiten' genoemd) en het belang van de Groep in geassocieerde deelnemingen en entiteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend.
Nyrstar is een vooraanstaande wereldwijde multimetalenonderneming, die aanzienlijke hoeveelheden zink en lood produceert net als andere metalen waaronder zilver, goud en koper.
De verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten van de Groep per en voor de periode van zes maanden tot 30 juni 2011 zijn op verzoek verkrijgbaar bij de statutaire zetel van de Vennootschap te Zinkstraat 1, 2490 Balen, België, of via http://www.nyrstar.com/.
De verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten werden op 26 juli 2011 door de Raad van Bestuur van Nyrstar NV goedgekeurd voor publicatie.
Deze verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Tussentijdse financiële verslaggeving zoals door de Europese Unie goedgekeurd. Ze omvatten niet alle informatie die voor een volledige jaarrekening vereist is en moeten worden gelezen in samenhang met de geconsolideerde financiële overzichten van de Groep per en voor het jaar dat eindigde op 31 december 2010.
De verkorte tussentijdse geconsolideerde financiële overzichten zijn gepresenteerd in euro, zijnde de functionele en presentatievaluta van de Vennootschap. Alle financiële informatie is afgerond naar het dichtstbijzijnde veelvoud van honderdduizend euro.
Bij de opstelling van de Tussentijdse Financiële Overzichten zijn de toegepaste boekhoudprincipes en berekeningsmethodes consistent met degene die gebruikt werden in de Financiële Overzichten van 31 december 2010 en het jaar dat toen eindigde. Vanaf 1 januari 2011 nam de Vennootschap de volgende nieuwe of gewijzigde interpretaties in gebruik:
Deze nieuwe of gewijzigde standaarden en interpretaties hebben geen significante invloed op de verkorte geconsolideerde financiële overzichten van de Vennootschap.
De grondslagen voor financiële verslaggeving die de Groep in deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële overzichten heeft toegepast, zijn dezelfde als die welke ze heeft toegepast in haar geconsolideerde financiële overzichten per en voor het jaar dat eindigde op 31 december 2010.
De opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële overzichten vereist dat de directie zich een oordeel vormt en schattingen en veronderstellingen doet die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen voor financiële verslaggeving
en op de gerapporteerde bedragen van activa, verplichtingen, baten en lasten. De werkelijke resultaten kunnen verschillen van deze schattingen.
Bij de opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële overzichten waren, met uitzondering van een nieuwe inzicht zoals opgenomen bij note 13, de belangrijke oordelen die de directie heeft gevormd bij de toepassing van de door de Groep gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en de belangrijke bronnen van schattingsonzekerheden dezelfde als die welke van toepassing waren op de geconsolideerde financiële overzichten per en voor het jaar dat eindigde op 31 december 2010.
De doelstellingen en het beleid van de Groep inzake financieel risicobeheer zijn in overeenstemming met diegene die vermeld zijn in de geconsolideerde financiële overzichten per en voor het jaar dat eindigde op 31 december 2010.
De bedrijfssegmenten van de Groep (Smelting, Mijnbouw en Overige & Eliminaties) geven de benadering weer van het Nyrstar Management Committee (NMC) ten aanzien van de beoordeling van de financiële prestaties en de toewijzing van middelen aan de activiteiten van de Groep. Bepaald is dat het NMC de 'Chief operating decision maker' is. De segmentering en de waarderingsbasis voor segmentwinst/(verlies) zijn niet veranderd ten opzichte van de laatste jaarrekening eindigend op 31 december 2010. Bijgevolg werd de verworven Campo Morado Operation toegewezen aan het Mijnbouwsegment. Voor details over deze verwerving, zie toelichting 9.
| Zes maanden tot 30 juni 2011 | Overige & | |||
|---|---|---|---|---|
| In miljoen € | Smelting | Mijnbouw | Eliminaties | Totaal |
| Externe opbrengsten | 1.543,4 | 60,9 | 17,9 | 1.622,2 |
| Opbrengsten tussen segmenten | - | 58,3 | (58,3) | - |
| Totale opbrengsten van de segmenten | 1.543,4 | 119,2 | (40,4) | 1.622,2 |
| Grondstoffen | (1.052,3) | - | 45,3 | (1.007,0) |
| Transportkosten | (19,5) | (4,1) | 0,7 | (22,9) |
| Bruto winst | 471,6 | 116,2 | 4,5 | 592,3 |
| Lasten uit hoofde van personeelsbeloningen | (99,8) | (29,2) | (29,5) | (158,5) |
| Energiekosten | (138,3) | (10,5) | (0,5) | (149,3) |
| Overige baten / (lasten) | (118,8) | (50,7) | 4,5 | (165,0) |
| Afschrijvingskosten en waardeverminderingen | (30,2) | (26,1) | (2,4) | (58,7) |
| Resultaat uit operationele activiteiten vóór uitzonderlijke elementen | 84,5 | (0,3) | (23,4) | 60,8 |
| Reorganisatiekosten | (9,1) | |||
| Waardevermindering (toevoeging) / terugneming | - | |||
| Resultaat uit operationele activiteiten | 51,7 | |||
| Financieringsbaten | 1,1 | |||
| Financieringslasten | (26,5) | |||
| Netto winst / (verlies) uit wisselkoersverschillen | (2,3) | |||
| Netto financieringsbaten / (-lasten) | (27,7) | |||
| Aandeel in de winst/(het verlies) van volgens de "equity"-methode verwerkte deelnemingen |
1,0 | |||
| Winst / (verlies) vóór winstbelasting | 25,0 | |||
| Winstbelastingvoordeel / (last uit hoofde van winstbelastingen) | (4,5) | |||
| Winst / (verlies) over de periode | 20,5 | |||
| Investeringsuitgaven | (26,5) | (25,7) | (3,8) | (56,0) |
| Zes maanden tot 30 juni 2010 In miljoen € |
Smelting | Mijnbouw | Overige & Eliminaties |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Externe opbrengsten | 1.264,1 | 0,1 | 12,7 | 1.276,9 |
| Opbrengsten tussen segmenten | - | 29,4 | (29,4) | - |
| Totale opbrengsten van de segmenten | 1.264,1 | 29,5 | (16,7) | 1.276,9 |
| Grondstoffen | (847,6) | - | 21,1 | (826,5) |
| Transportkosten | (23,3) | - | 3,0 | (20,3) |
| Bruto winst | 393,2 | 29,5 | 7,4 | 430,1 |
| Lasten uit hoofde van personeelsbeloningen | (93,4) | (8,4) | (16,4) | (118,2) |
| Energiekosten | (128,3) | (2,7) | (0,6) | (131,6) |
| Overige baten / (lasten) | (97,4) | (11,7) | 10,3 | (98,8) |
| Afschrijvingskosten en waardeverminderingen | (24,9) | (4,1) | (3,5) | (32,5) |
| Resultaat uit operationele activiteiten vóór uitzonderlijke elementen | 49,2 | 2,6 | (2,8) | 49,0 |
| Reorganisatiekosten | (7,2) | |||
| Waardevermindering (toevoeging) / terugneming | (0,8) | |||
| Resultaat uit operationele activiteiten | 41,0 | |||
| Financieringsbaten | 0,4 | |||
| Financieringslasten | (16,0) | |||
| Netto winst / (verlies) uit wisselkoersverschillen | 3,2 | |||
| Netto financieringsbaten / (-lasten) | (12,4) | |||
| Aandeel in de winst/(het verlies) van volgens de "equity"-methode verwerkte deelnemingen |
1,8 | |||
| Winst / (verlies) vóór winstbelasting | 30,4 | |||
| Winstbelastingvoordeel / (last uit hoofde van winstbelastingen) | (5,5) | |||
| Winst / (verlies) over de periode | 24,9 | |||
| Investeringsuitgaven | (26,5) | (28,4) | (1,1) | (56,0) |
| Opgenomen in de winst-en-verliesrekening: | Juni 2011 | Juni 2010 |
|---|---|---|
| in miljoen € | in miljoen € | |
| Financieringsbaten | ||
| Rentebaten op kas en kasequivalenten | 1,1 | 0,4 |
| Financieringslasten | ||
| Rentelasten op financiële schulden | (21,1) | (10,3) |
| Afwikkeling van disconto in voorzieningen | (3,1) | (4,1) |
| Overige financieringslasten | (2,3) | (1,6) |
| (26,5) | (16,0) | |
| Netto winst / (verlies) uit wisselkoersen | (2,3) | 3,2 |
| Netto financieringsbaten / (-lasten) | (27,7) | (12,4) |
Lasten uit hoofde van winstbelastingen worden erkend op basis van de beste inschatting door het management van het gewogen gemiddelde jaarlijkse belastingtarief dat verwacht wordt voor het volledige boekjaar. Het belastingstarief voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2011 (gebaseerd op het geraamde gemiddelde jaarlijkse belastingstarief voor het jaar tot 31 december 2011) bedraagt 18% (het geraamde belastingstarief voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2010 bedroeg 18%). De voornaamste elementen die invloed hebben op het winstbelastingstarief zijn de notionele interestaftrek in België, nietbelastingsaftrekbare kosten en de opname en niet-opname van uitgestelde belastingvorderingen toerekenbaar aan belastingverliezen en tijdelijke verschillen in Australië, België, Peru en Zwitserland.
Het winstbelastingvoordeel dat rechtstreeks werd opgenomen in het eigen vernomen was nul (€ 3,6 miljoen winstbelastingvoordeel voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2010), hetgeen het effect op de belastingen weergeeft van wijzigingen in de kasstroomafdekkingen.
Op 5 januari 2011 verwierf Nyrstar een belang van 93,75 % in Farallon Mining Ltd., de eigenaar van de zinkrijke polymetaalmijnoperatie Campo Morado in Mexico (de "Campo Morado-activiteit") en nam de resterende aandelen over op 15 maart 2011. De Campo Morado-activiteit omvat ongeveer 12.000 hectare over zes mijnbouwterreinen die 160 kilometer ten zuid-zuidwesten van Mexico City gelegen zijn. De ertslaag die momenteel geëxploiteerd wordt, is de G-9-laag die sinds april 2009 in het commerciële productiecircuit werd gebracht en hoogwaardige zink, koper, lood, goud en zilver bevat (de "G-9-mijn"). Naast de G-9-mijn zijn er vier bijkomende lagen die afgebakend werden (Reforma, El Largo, El Rey, Naranjo).
De overname had het volgende effect op de activa en passiva van de Groep op overnamedatum:
| Opgenomen reële waarden bij overname |
|
|---|---|
| in miljoen € | |
| Materiële vaste active | 372,0 |
| Voorraden | 11,3 |
| Handelsvorderingen | 7,0 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 10,3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 15,9 |
| Overige vlottende activa | 2,4 |
| Voorzieningen | (3,1) |
| Overige langlopende verplichtingen | (78,9) |
| Leningen en opgenomen gelden | (23,8) |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | (74,4) |
| Handelsschulden en overige schulden | (13,2) |
| Netto identificeerbare activa en | |
| passive | 225,5 |
| Gedekt resultaat afgetrokken van | |
| betaalde vergoeding | (3,3) |
| Goodwill bij overname | 70,9 |
| Betaalde vergoeding in geldmiddelen | 299,7 |
| Verworven geldmiddelen | 15,9 |
| Netto kasuitstroom | 283,8 |
De reële waarden zijn nog niet definitief door de complexiteit en timing van de overname. De herziening van de reële waarde van de verworven activa en passiva zal plaatsvinden gedurende één jaar vanaf de overnamedatum.
De opbrengst- en winstbedragen die vanaf de overnamedatum in de geconsolideerde winst- en verliesrekening van de verslagperiode zijn opgenomen bedragen respectievelijk € 44,1 miljoen en € (10,1) miljoen. Indien de overname had plaatsgevonden op 1 januari 2011 schatte het management dat de geconsolideerde opbrengesten voor de huidige periode en de geconsolideerde winst voor de huidige periode grotendeels identiek zouden zijn aan de actuele opbrengsten en winst opgenomen in de tussentijdse financiële overzichten van de Groep voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2011. Bij het bepalen van deze bedragen ging het management ervan uit dat de reële waardeaanpassingen die gebeurden op de datum van overname dezelfde waren geweest indien de overname had plaatsgevonden op 1 januari 2011. De goodwill-balans is een resultaat van de opgenomen uitgestelde belastingschulden die uitsluitend verband houden met de totale reële waardeaanpassingen op netto activa in de boekhouding van de overname.
In juli 2010 verwierf Nyrstar een belang van 100% in de polymetalen mijnen van Contonga en Pucarrajo in Peru (uitgebaat door Minera Huallanca S.A.) voor ongeveer US\$ 33 miljoen (€ 25,8 miljoen) inclusief veronderstelde schulden. De Contonga- en
Pucarrajo-mijnen omvatten ongeveer 4.600 hectare mijnbouwterrein, 450 kilometer ten noorden van Lima gelegen in de Ancash-regio, die bekend is voor de significante zink-, lood-, zilver-, goud-, en koperlagen.
De boekhouding voor overname van de Contonga- en Puccarajo-mijnen op 31 december 2010 is gebaseerd op voorlopige bedragen omwille van de timing en complexiteit van de overname. In 2011 werd de boekhouding van de overname als volgt vervolledigd binnen de éénjarige waarderingsperiode:
| Voorlopige reële waarden bij overname zoals eerder aangegeven in miljoen € |
Reële-waarde aanpassingen in miljoen € |
Reële waarden bij overname in miljoen € |
|
|---|---|---|---|
| Materiële vaste activa | 47,7 | 0,4 | 48,1 |
| Voorraden | 2,1 | - | 2,1 |
| Handelsvorderingen | 4,3 | - | 4,3 |
| Overige vlottende activa | 3,8 | - | 3,8 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 0,6 | - | 0,6 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 0,1 | - | 0,1 |
| Voorzieningen | (16,9) | (0,6) | (17,5) |
| Leningen en opgenomen gelden | (4,1) | - | (4,1) |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | (7,0) | 0,2 | (6,8) |
| Handelsschulden en overige schulden | (11,8) | - | (11,8) |
| Netto identificeerbare activa en | 18,8 | - | 18,4 |
| passiva | |||
| Goodwill bij overname Betaalde vergoeding in geldmiddelen |
7,0 25,8 |
- | 7,0 25,8 |
| Verworven geldmiddelen | 0,1 | 0,1 | |
| Netto kasuitstroom | 25,7 | 25,7 |
De reële waardeaanpassingen werden doorgevoerd omwille van de herziening van de waardering van bepaalde voorraden en de gerelateerde impact op uitgestelde belastingschulden. De goodwill-balans is een resultaat van de opgenomen uitgestelde belastingschulden die uitsluitend verband houden met de totale reële waardeaanpassingen op netto activa in de boekhouding van de overname.
De vergelijkende informatie van 2010 werd herzien om deze waarderingsperiodeaanpassing te weerspiegelen.
De overige verplichtingen op 30 juni 2011 hebben betrekking op de reële waarde van de onderliggende afgedekte elementen op de vaste termijncontracten voor een totaal van € 16,3 miljoen (31 december 2010: overige verplichtingen van € 39,7 miljoen), gecompenseerd door de reële waarde van afgedekte derivaten op deze vaste termijncontracten, die € 16,7 miljoen bedraagt op 30 juni 2011 (31 december 2010: reële waarde van € 39,2 miljoen).
In februari 2010 stemde Nyrstar ermee in om 1,25 miljoen ton zinkconcentraat van Talvivaara Sotkamo Limited (een onderdeel van de Talvivaara Mining Company Plc group) over te nemen tegen een aankoopprijs van 335 miljoen Amerikaanse Dollar (€ 242,6 miljoen).
De overname wordt als Zinkaankooprechten op de balans opgenomen. De gebruiksduur ervan wordt bepaald a.d.h.v. de hoeveelheid te leveren metrisch ton. Het actief wordt in resultaat genomen volgens de eenheid-van-productiemethode, aangezien het actief wordt berekend met elke metrische ton geleverd onder het contract.
Talvivaara zal 100% van zijn zinkconcentraatproductie aan Nyrstar leveren tot wanneer de overeengekomen 1,25 miljoen ton zinkconcentraat werd geleverd (gelijk aan ongeveer 2 miljoen ton zinkconcentraat aan 65%). Op basis van de geplande productie van Talvivaara verwachten de partijen een geleidelijke toename tot ongeveer 90.000 ton zinkconcentraat per jaar tegen 2012, met leveringen over een periode van 10 tot 15 jaar.
Tijdens de periode van zes maanden tot 30 juni 2011 bedroegen de investeringsuitgaven met betrekking tot de normale activiteiten van de Groep € 52,3 miljoen (€ 56,0 miljoen voor de periode van zes maanden tot 30 juni 2010). Daarenboven werden materiële vaste activa voor een bedrag van € 372,0 miljoen toegevoegd als een deel van de overname van Farallon Mining Ltd. Voor details, zie toelichting 9.
Tijdens de periode van zes maanden tot 30 juni 2010 boekte de Groep een bijzondere waardevermindering van € 0,8 miljoen op de inrichting van gehuurde gebouwen naar aanleiding van de aangekondigde verhuis van het hoofdkantoor van de Venootschap van Londen naar Zürich. Voor de periode van zes maanden tot 30 juni 2011 werd er geen andere indicator van bijzondere waardevermindering, of terugname ervan, vastgesteld.
| Aan einde van | juni 2011 in miljoen € |
december 2010 in miljoen € |
|---|---|---|
| Grondstoffen | 259,9 | 170,2 |
| Onderhanden werk | 236,9 | 268,6 |
| Gereed product | 56,2 | 38,0 |
| Verbruiksgoederen en hulpstoffen | 54,4 | 46,7 |
| Reële waardeaanpassing | (0,1) | 33,1 |
| Totaal voorraden | 607,3 | 556,6 |
Daar de Groep "hedge accounting" toepast, worden de afgedekte elementen van voorraden aangepast door de reële waardebewegingen van het betrokken afdekkingsinstrument. De reële waardeaanpassing als deel van de boekwaarde van voorraden op 30 juni 2011 bedraagt € 0,1 miljoen (31 december 2010: € 33,1 miljoen).
Gedurende de zes maanden tot 30 juni 2011 profiteerde Nyrstar van een geïdentificeerde zilvervoorraad die voordien niet was opgenomen in de balans. Deze voorraad is gerelateerd aan historische zilververliezen in de zilverraffinaderij te Port Pirie die als recupereerbaar werden geïdentificeerd tijdens de zes maanden tot 30 juni 2011. Op 30 juni 2011 werd deze voorraad opgenomen tegen de geschatte historische kost van € 29 miljoen.
De mutatie in leningen tijdens de periode is in de volgende tabel weergegeven:
| juni -11 | juni -10 | |
|---|---|---|
| in miljoen € | in miljoen € | |
| Boekwaarde aan het begin van de periode | 456,8 | 122 |
| Wijziging in consolidatiebereik | 23,8 | - |
| Wijziging in SCTF kredietfaciliteit | (95,1) | 138,5 |
| Ontvangsten uit obligaties met vaste rentevoet van 5,375% (terugbetaalbaar in 2016) | 525,0 | - |
| Ontvangsten uit obligaties met vaste rentevoet van 5,5% (terugbetaalbaar in 2015) | - | 225 |
| Netto aflossing van ongedekte bankleningen | (17,7) | (1,9) |
| Overige | (0,5) | 2,6 |
| Valutaschommelingen | (22,2) | 20,7 |
| Boekwaarde aan het einde van de periode | 870,1 | 506,9 |
In mei 2011 rondde Nyrstar een publiek aanbod van € 525 miljoen van haar vijf jarenobligaties met vaste rentevoet van 5,375% (terugbetaalbaar in 2016) succesvol af. De obligaties zijn genoteerd op de gereglementeerde markt van de Luxemburgse effectenbeurs.
In januari 2011 kondigde Nyrstar aan dat 13.262 aandelen werden uitgegeven als gevolg van de omzetting van 7% van de oude ongedekte converteerbare obligaties (terugbetaalbaar in 2014) voor een totaalbedrag van € 100.000. Na de voornoemde omzetting vertegenwoordigen de overblijvende converteerbare obligaties een totaalbedrag van € 119.900.000. De converteerbare obligaties kunnen op elk moment geconverteerd worden tegen de huidige conversieprijs van € 6,29 per aandeel1 . Gebaseerd op de huidige conversieprijs, indien alle overgebleven converteerbare obligaties in hun geheel zouden geconverteerd worden, zouden er 19.062.003 nieuwe aandelen worden uitgegeven.
In januari 2010 ging Nyrstar bij Deutsche Bank een gestructureerde doorlopende multideviezen kredietfaciliteit aan ten belope van € 250 miljoen. De faciliteit heeft een looptijd van vier jaar (met een uitloopperiode tijdens het vierde jaar) en een marge van 1,9% boven EURIBOR. Het bedrag dat de Vennootschap in het kader van de faciliteit kan opnemen, wordt bepaald a.d.h.v. de waarde van de voorraden en openstaande facturen van de Vennootschap (de leenbasis, die ook dient als waarborg voor de kapitaalverschaffers) en past zich evenredig mee aan bij prijsverandering van de grondstoffen. In maart 2010 voltooide de Vennootschap met succes het syndicatieproces om de limiet van de faciliteit tot € 400 miljoen te verhogen. De gesyndiceerde faciliteit omvat een 'accordeoncomponent' die een verhoging van de limiet van de faciliteit mogelijk maakt. In november 2010 oefende Nyrstar de accordeon uit en de gesyndiceerde banken verhoogden hun verbintenissen tot € 500 miljoen, wat resulteerde in een faciliteitslimiet van € 500 miljoen. Op 30 juni 2011 werd de faciliteit niet opgenomen (31 december 2010: US\$ 150,0 miljoen of € 112,3 miljoen).
In maart 2010 voltooide de Vennootschap ook met succes een openbaar aanbod voor € 225 miljoen aan obligaties met een vaste rentevoet van 5,5% en terugbetaalbaar in 2015. De obligaties zijn genoteerd op de gereglementeerde markt van de Luxemburgse effectenbeurs.
In de zes maanden tot 30 juni 2011 werden er geen dividenden uitgekeerd aan aandeelhouders. Op 24 mei 2011 werd er een buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders van de vennootschap gehouden die het voorstel van de raad van bestuur goedkeurde om aan de aandeelhouders een (bruto) bedrag van € 0,15 per aandeel uit te keren en om de uitkering te structureren als een kapitaalvermindering met terugbetaling van gestort kapitaal. De betalingsdatum is 12 augustus 2011.
In de eerste jaarhelft van 2011 finaliseerde Nyrstar zijn wereldwijd reorganisatieprogramma met als doelstelling om de kosten te drukken en de Vennootschap te positioneren met het oog op een duurzame toekomst op lange termijn. De bijkomende kosten voor dit programma voor de periode tot 30 juni 2011 bedroegen € 9,1 miljoen (30 juni 2010: € 7,2 miljoen).
In maart 2011 gaf Nyrstar 70.009.282 nieuwe aandelen uit als gevolg van de afronding van een kapitaalsverhoging met een bedrag van € 490.064.974 binnen het kader van een uitgifte van rechten die werd goedgekeurd door de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders op 6 januari 2011. De geassocieerde kosten van de kapitaalsverhoging bedroegen € 15.647.264.
Op 30 juni 2011 omvatte het aandelenkapitaal van Nyrstar NV 170,0 miljoen gewone aandelen (31 december 2010: 100 miljoen) met een nominale waarde van € 2,50 (31 december 2010: € 14,91).
Bovenop de op aandelen gebaseerde betalingsplannen bijgevoegd in de toelichtingen van de recentste geconsolideerde financiële overzichten van 31 december 2010 werden de volgende toekenningen toegewezen:
Gedurende de eerste helft van 2011 werd er een vierde toekenning (Grant 4) gemaakt in overeenstemming met de regels en voorwaarden van het Executive Long Term Incentive Plan (LTIP). De effectieve verslagleggingsdatum van Grant (Toekenning) 4 is 30 juni 2011 en de prestatieperiode waarover de prestatievoorwaarden worden beoordeeld, bedraagt drie jaar, beginnend op 1 januari 2011.
Om er zeker van te zijn dat het LTIP strookt met een gemaximaliseerd aandeelhoudersrendement heeft de Raad twee prestatievoorwaarden onder Toekenning 4 bepaald die elk voor 50% meetellen en gelijk zijn aan de prestatievoorwaarden van de eerdere toekenningen. Deze prestatievoorwaarden zijn:
1) Nyrstar's aandelenprijsverschil (als percentage) moet het LME zinkprijsverschil (als percentage) als gemiddelde over de prestatieperiode overtreffen.
2) Nyrstar's aandelenprijsverschil (als percentage) moet het MSCI World Metals and Mining Indexverschil (als percentage) als gemiddelde over de prestatieperiode overtreffen.
Aandelen worden pro rata aan executives toegekend indien vooraf bepaalde drempels voor elk van de prestatievoorwaarden worden bereikt. Regeling van de toegekende aandelen kan zowel gebeuren door een toewijzing van aandelen of een contante betaling.
Daar de effectieve verslagleggingsdatum van Toekenning 4 30 juni 2011 is, wordt de reële waarde van de diensten ontvangen in ruil voor de uitgegeven aandelen voor de zes maanden tot 30 juni 2011 geacht nul te zijn.
In lijn met de resolutie van de Jaarlijkse Algemene Aandeelhoudersvergadering die gehouden werd op 27 april 2011, gaf het Co-investment Plan de impact weer van de claimemissie door de Vennootschap in maart 2011. Er werd ook overeengekomen dat 95.510 extra aandelen van de vennootschap waarop ingeschreven werd door de respectievelijke deelnemers in het Co-Investment Plan beschouwd worden als "Co-Investment Aandelen" voor doeleinden van het Co-Investment Plan. Op 30 juni 2011 kocht een bijkomende deelnemer 25.000 aandelen voor deelname in het Co-Investment Plan. De voorwaarden van deze deelname zijn consistent met de voorwaarden van de vorige deelnames in het Co-Investment Plan.
De reële waarde van diensten verleend in ruil voor de aandelen die onder het Co-Investment Plan vallen voor de zes maanden tot 30 juni 2011 bedraagt € 0,6 miljoen (2010: € 0,2 miljoen).
Tussen 4 mei 2011 en 3 juni 2011 heeft Nyrstar op NYSE Euronext Brussel een totaal aantal van 2.765.000 eigen aandelen ingekocht. De totale vergoeding, inclusief direct toe te wijzen kosten, bedroeg € 26,0 miljoen.
In maart 2011 verkocht Nyrstar de bijhorende claimrechten van de eigen aandelen die ten tijde van de kapitaalsverhoging in eigen handen waren. De ontvangen vergoeding van € 7,6 miljoen werd rechtstreeks opgenomen in de overgedragen winst.
Tussen 10 mei 2010 en 28 juni 2010 heeft Nyrstar op NYSE Euronext Brussel een totaal aantal van 3.321.558 eigen aandelen ingekocht. De totale vergoeding hiervoor betaald, inclusief direct toe te wijzen kosten, bedroeg € 29,3 miljoen, waarvan de laatste schijf van € 2,1 miljoen werd betaald na de verslagdatum van 30 juni 2010.
De reserve voor eigen aandelen bevat de nominale waarde van de aandelen van de Vennootschap die in handen zijn van de Groep. Op 30 juni 2011 had de Groep in totaal 5.756.605 eigen aandelen in handen (31 december 2010: 3.631.558). Het verschil tussen de nominale waarde van het totale aantal ingekochte eigen aandelen (€ 16,0 miljoen) en de vergoeding betaald voor de eigen aandelen (€ 57,0 miljoen), inclusief direct toe te wijzen kosten, bedraagt € 41,0 miljoen en werd rechtstreeks opgenomen in de overgedragen winst.
Gedurende de zes maanden tot 30 juni 2011 regelde de Groep gedeeltelijk Toekenning 1 van het LTIP. Een totaal van 639.953 aandelen werd toegewezen aan de werknemers als onderdeel van deze regeling.
De berekening van de gewone winst per aandeel (WPA) op 30 juni 2011 werd gebaseerd op de aan gewone aandeelhouders toerekenbare winst van € 20,4 miljoen (30 juni 2010: € 24,9 miljoen) en een gewogen gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen van 136,1 miljoen (30 juni 2010: 118,9 miljoen). De gewone winst per aandeel wordt als volgt berekend:
| juni 2011 | juni 2010 | |
|---|---|---|
| in miljoen € | in miljoen € | |
| Winst toerekenbaar aan gewone aandeelhouders | ||
| Winst voor de periode | 20,4 | 24,9 |
| Gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen aan einde van periode1 | 136,1 | 118,9 |
| Winst per aandeel (uitgedrukt in euro per aandeel) | 0,15 | 0,21 |
De berekening van de verwaterde winst per aandeel (WPA) op 30 juni 2011 werd gebaseerd op de aan gewone aandeelhouders (verwaterde) toerekenbare winst van € 25,1 miljoen en een gewogen gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen van 153,7 miljoen.
Verwaterde winst per aandeel wordt berekend door het gewogen gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen aan te passen om rekening te houden met de conversie van potentiële verwaterende gewone aandelen. De converteerbare obligatie wordt geacht geconverteerd te zijn in gewone aandelen en de nettowinst wordt aangepast om de rentelasten na belastingen, die voortkomen uit de vreemdvermogencomponent van de converteerbare obligatie, te elimineren.
De verwaterde winst per aandeel wordt als volgt berekend:
| juni 2011 | juni 2010 | |
|---|---|---|
| in miljoen € | in miljoen € | |
| Winst toerekenbaar aan gewone aandeelhouders | 20,4 | 24,9 |
| Rentelast op converteerbare obligatie, na belastingen | 5,2 | 4,9 |
| Winst toerekenbaar aan gewone aandeelhouders (verwaterd) | 25,6 | 29,8 |
| Gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen (verwaterd) aan het eind van de periode1 |
153,7 | 137,8 |
| Winst per aandeel (verwaterd, uitgedrukt in euro per aandeel) | 0,17 | 0,22 |
1 Met betrekking tot de uitgifte van rechten werden de vergelijkende winsten per aandeel voor 30 juni 2010 gewijzigd om de impact van de claimemissie van maart 2011 retroactief te weerspiegelen. Daar de claimemissie werd aangeboden tegen een korting (€ 7,00) op de marktwaarde (€ 11,54), werd het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen voor 30 juni 2011 en 30 juni 2010 aangepast in overeenstemming met IAS 33 Winst per aandeel. De aanpassing resulteerde in een stijging in de gewogen gemiddelde uitstaande aandelen, zowel gewone als verwaterde, in 2011 en 2010 van ongeveer 20%. Verdere details over de claimemissie en de internationale uitgifte zitten vervat in Toelichting 17 Aandelenkapitaal en uitgiftepremies.
De waarde van verbintenissen voor de verwerving van machines en installaties waarvoor contracten zijn afgesloten maar die niet als verplichtingen zijn opgenomen op de verslagdatum, is in de onderstaande tabel weergegeven.
| december | ||
|---|---|---|
| juni 2011 | 2010 | |
| in miljoen € | in miljoen € | |
| Binnen één jaar | 37,6 | 15,0 |
| Meer dan één jaar, maar niet meer dan vijf jaar | - | - |
| 37,6 | 15,0 |
Nyrstar is het onderwerp van een aantal claims en juridische procedures die horen bij het normale verloop van de activiteiten. Het management gelooft niet dat zulke claims en procedures globaal genomen van aard zijn om een wezenlijke ongunstige invloed te hebben op de financiële positie van Nyrstar.
De sector waarin de Groep actief is, is onderhevig aan volatiele en cyclische grondstofprijzen en is blootgesteld aan wisselkoersschommelingen, maar is niet onderhevig aan seizoensinvloeden.
Op 15 juni 2011 maakte Nyrstar bekend dat het een bindende overeenkomst (de "Supportovereenkomst") is aangegaan met Breakwater Resources Ltd. (TSX: BWR) ("Breakwater") waarbij Nyrstar is overeengekomen om een bod volledig in geld te doen op alle uitgegeven en uitstaande aandelen van Breakwater door middel van een vriendelijk overnamebod.. Onder de voorwaarden van de Supportovereenkomst zullen de aandeelhouders van Breakwater de volgende vergoeding krijgen voor elk aandeel in hun bezit:
Het aanbod kan aanvaard worden tot 17u (tijdstip in Toronto) op 25 augustus 2011 (de "vervaltijd"), tenzij het aanbod wordt verlengd of ingetrokken.
Wij verklaren hierbij dat, voor zover ons bekend, de beknopte geconsolideerde tussentijdse financiële overzichten voor de periode van zes maanden tot 30 juni 2011, opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Interim Financial Reporting zoals goedgekeurd door de Europese Unie, een echt en oprecht beeld geven van de financiële positie en de winst-en-verliesrekening van Nyrstar. De commentaren op pagina's 1 tot 21 van het persbericht geven een getrouw beeld weer van de resultaten van het bedrijf gedurende de periode van zes maanden tot 30 juni 2011 en eventuele significante transacties met aangesloten partijen werden toegelicht in de financiële informatie.
Er hebben zich geen belangrijke wijzigingen voorgedaan in verband met de voornaamste risico's en onzekerheden voor de Groep, zoals uiteengezet in het jaarverslag over 2010; deze risico's en onzekerheden blijven van toepassing op de financiële resultaten van de Groep voor de rest van 2011.
Brussel, 27 juli 2011
Roland Junck Heinz Eigner Chief Executive Officer Chief Financial Officer
De commissaris PricewaterhouseCoopers Bedrijfsrevisoren burg. CVBA / Réviseursd'Entreprises SCRL civile, vertegenwoordigd door Peter Van den Eynde, heeft een ongekwalificeerd beperkt nazichtverslag over de IFRS verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële overzichten gegeven en bevestigde dat de IFRS boekhoudkundige gegevens zoals vervat in deze halfjaarlijkse tussentijdse aankondiging geen inconsistenties vertonen ten opzichte van de IFRS verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële overzichten. De boekhoudkundige gegevens vervat in deze tussentijdse aankondiging omvatten ook andere financiële informatie die niet werden gecontroleerd noch onderworpen aan revisie.
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.