Skip to main content

AI assistant

Sign in to chat with this filing

The assistant answers questions, extracts KPIs, and summarises risk factors directly from the filing text.

Greenyard NV Annual Report 2017

Jul 18, 2017

3957_10-k_2017-07-18_4e77c9fa-f0c5-4b41-b396-5c452ea462b5.pdf

Annual Report

Open in viewer

Opens in your device viewer

Financieel Rapport 2016-2017

for a healthier future

JAARVERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR1
HOOGTEPUNTEN AY 16/17 1
COMMENTAAR OP DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING 1
DIVIDENDEN3
POSITIE VAN DE VENNOOTSCHAP: RISICO'S EN ONZEKERHEDEN 4
ONDERZOEK EN ONTWIKKELING, INNOVATIE EN DUURZAAMHEID7
BELANGRIJKE GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM 8
CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING8
INFORMATIE VOOR DE AANDEELHOUDER 30
LIKE-FOR-LIKE FINANCIËLE INFORMATIE 34
GECONSOLIDEERDE JAARREKENING36
GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING36
GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN 37
GECONSOLIDEERDE BALANS 38
GECONSOLIDEERDE STAAT VAN WIJZIGINGEN IN EIGEN VERMOGEN39
GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT40
TOELICHTINGEN BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING 41
1. Algemene informatie 41
2. Voornaamste boekhoudprincipes 41
2.1.
Presentatiebasis41
2.2.
Wijzigingen in boekhoudprincipes en toelichtingen41
2.3.
Basis van consolidatie 42
2.4.
Samenvatting van de belangrijkste boekhoudprincipes44
3. Cruciale beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden53
3.1.
Cruciale beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving 53
3.2.
Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden 53
4. Segmentinformatie54
4.1.
Informatie over belangrijke klanten 55
4.2.
Geografische informatie 55
5. Toelichtingen bij de geconsolideerde winst- en verliesrekening 56
5.1.
Bedrijfskosten 56
5.2.
Personeelskosten56
5.3.
Overige bedrijfsopbrengsten 57
5.4.
Eénmalige kosten en opbrengsten 57
5.5.
Financieel resultaat58
5.7. Winst per aandeel59
6. Toelichtingen bij de geconsolideerde balans61
6.1. Materiële vaste activa61
6.2. Goodwill62
6.3. Overige immateriële vaste activa 64
6.4. Biologische activa65
6.5. Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode 66
6.6. Overige financiële activa en verplichtingen67
6.7. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen68
6.8. Voorraden69
6.9. Handels- en overige vorderingen69
6.10. Geldmiddelen en kasequivalenten en negatieve banksaldi71
6.11. Financiële instrumenten per categorie71
6.12. Geplaatst kapitaal, uitgiftepremies en andere kapitaalinstrumenten 71
6.13. Optie- en warrantenplannen 72
6.14. Verplichtingen voor pensioenen en personeelsbeloningen 72
6.15. Voorzieningen75
6.16. Rentedragende leningen76
6.17. Handels- en overige schulden78
6.18. Beleid inzake risicobeheer 79
7. Diverse elementen86
7.1. Dochterondernemingen, geassocieerde ondernemingen, joint ventures en investeringen geboekt aan kostprijs 86
7.2. Belangrijke geschillen 88
7.3. Verbintenissen89
7.4. Verbonden partijen91
7.5. Gebeurtenissen na balansdatum93
7.6. Bezoldigingen commissaris93
VERKLARING VAN DE VERANTWOORDELIJKE PERSONEN 94
VERSLAG VAN DE COMMISSARIS OVER DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING95
VERKORTE STATUTAIRE JAARREKENING VAN DE MOEDERVENNOOTSCHAP GREENYARD NV, OPGESTELD VOLGENS BELGISCHE
BOEKHOUDNORMEN96
FINANCIËLE DEFINITIES 101

JAARVERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR

HOOGTEPUNTEN AY 16/17

  • De afgelopen 12 maanden heeft Greenyard zich gericht op het uitrollen van haar Missie-Visie-Waarden in de gehele organisatie. Dit werd benadrukt door de naamswijziging naar 'Greenyard' in alle divisies en entiteiten.
  • Greenyard heeft zicht gericht op het verhogen van de omzet door middel van een verhoogde consumentenfocus met zowel innovatie- als categoriemanagement. Activiteitsgerichte actieplannen werden uitgewerkt: verdere ontwikkeling van Frozen convenience producten, die steeds meer bijdragen tot zowel de omzet als de marges en de uitbreiding van de ready-to-eat en easy-to-use oplossingen binnen Fresh.
  • De managementteams op zowel segment- en corporate niveau werden versterkt. Binnen Fresh werden twee clusters (Region German Market en Growth Markets) opgericht en werd het Fresh management team versterkt door twee toegewijde directeuren. Het corporate team werd versterkt door de introductie van een corporate HR directeur, een corporate tax manager, een PMO manager en een categoriemanagementdirecteur.
  • Operationeel breidde Fresh haar Amerikaanse activiteiten uit met een nieuwe faciliteit in New Jersey en investeert bovendien ook in nieuwe distributiecentra in Duitsland. De activiteiten van Greenyard Fresh Direct Belgium (voorheen Ben Fresh) zijn volledig geïntegreerd, hoewel dit meer opstartkosten dan verwacht met zich meebracht. Met betrekking tot Long Fresh is de productiecapaciteit in de Frozen entiteit in Polen (Lipno) verdubbeld, waardoor een grote, meer centrale productiecentrale is ontstaan. De fabriek van Moréac, Frankrijk, is weer op de goede weg na de ERPgerelateerde overgangsproblemen van vorig jaar. Binnen Prepared, triggert de lopende integratie van Lutèce continue investeringen. Horticulture slaagde erin om haar inkoopcapaciteit aanzienlijk te verhogen dankzij de overname van Nesterovskoye in Rusland.
  • In december 2016 herfinancierde Greenyard haar uitstaande hoogrentende obligatielening en bestaande kredietfaciliteiten met een converteerbare obligatielening van € 125,0m en € 375,0m bankfinanciering. Deze laatste is opgesplitst in een termijnlening van € 150,0m en een wentelkrediet van € 225,0m. Als gevolg hiervan wordt verwacht dat de gemiddelde jaarlijkse rentekosten dalen van 6,3% naar 3,5%. Deze herfinanciering zal naar verwachting meer dan € 15,0m per jaar besparen met een éénmalige kost van € 18,0m en verhoogt de gemiddelde looptijd van de financieringslijnen naar 4,4 jaar.

COMMENTAAR OP DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

Deze commentaar heeft betrekking op de geconsolideerde jaarrekening van Greenyard NV ('de Onderneming') en haar dochterondernemingen (samen 'de Groep') voor het boekjaar afgesloten op 31 maart 2017.

1. Geconsolideerde winst- en verliesrekening

De gerapporteerde geconsolideerde winst- en verliesrekening voor het boekjaar eindigend op 31 maart 2017 ('AY 16/17') omvat 12 maanden Long Fresh, Fresh en Horticulture. De gerapporteerde geconsolideerde winst- en verliesrekening voor het boekjaar eindigend op 31 maart 2016 ('AY 15/16') omvat 12 maanden Long Fresh en 9,5 maanden Fresh en Horticulture.

Omzet

De stijging van de geconsolideerde omzet (€ 4.249,2m) met € 1.046,0m ten opzichte van AY 15/16 wordt voornamelijk gedreven door de opname voor een volledig jaar van Horticulture (€ 26,1m) en Fresh (€740,7m) in AY 16/17, gecombineerd met een sterke organische omzetgroei in Fresh (€ 177,0m). De overname van Lutèce ondersteunt de stevige omzetstijging in Long Fresh (€ 102,2m). Fresh vertegenwoordigt € 3.425,8m, of 80,6% van de geconsolideerde omzet, Long Fresh € 748,3m, of 17,6%, en Horticulture € 75,1m, of 1,8%.

EBIT voor éénmalige kosten en opbrengsten

EBIT voor éénmalige kosten en opbrengsten stijgt met € 21,2m naar € 81,6m. Deze toename heeft voornamelijk betrekking op de opname voor een volledig jaar van Fresh en Horticulture.

De sterke stijging van REBITDA van 26,7% of € 30,7m is voornamelijk te danken aan de opname voor een volledig jaar van Fresh en Horticulture. REBITDA van Fresh bedraagt € 79,2m, een stijging van € 21,5m ten opzichte van AY 15/16. De marge blijft stabiel op 2,3%. Voor Long Fresh bedraagt REBITDA € 56,5m, wat een marge van 7,6% vertegenwoordigt. De daling van de marge ten opzichte van AY 15/16 is alleen toe te schrijven aan de consolidatie van Lutèce, dat lagere marges heeft. REBITDA voor Horticulture bedraagt € 9,9m. Dit leidt tot een marge van 13,2%, wat 1,6% hoger is dan de REBITDA-marge in AY 15/16.

Eénmalige kosten en opbrengsten

De totale netto éénmalige kosten van € 8,2m (in vergelijking met een netto éénmalig opbrengst van € 12,8m vorig jaar) betreffen voornamelijk herstructurerings- en reorganisatiekosten voor een totaalbedrag van € 5,2m, grotendeels als gevolg van de centralisatie van de Greenyard Fresh Direct Belgium activiteiten naar Sint-Katelijne-Waver.

Netto financiële opbrengst / kost

De geconsolideerde netto financiële kosten bedragen € 72,6m tegenover € 43,8m in AY 15/16. De stijging van € 28,8m wordt verklaard door € 24,9m aan éénmalige kosten in verband met de herfinanciering en de opname van Fresh en Horticulture voor 12 maanden (€ 11,9m). Dit wordt enigszins gecompenseerd door de onderliggende rentebesparingen van € 8,0m.

Belastingen

De geconsolideerde belasting bedraagt € 0,1m. Dit vertaalt zich in een geconsolideerd belastingtarief van 9,37%. Dit lage belastingtarief is gedreven door éénmalige belastingvoordelen als gevolg van het stroomlijnen van de bedrijfsstructuur en structurele verbeteringen naar een lager effectief belastingtarief.

2. Geconsolideerde balans

Vaste activa

Vaste activa dalen met € 20,9m naar € 1.265,2m, voornamelijk door een daling in materiële vaste activa van € 4,9m, een daling in overige immateriële activa van € 11,2m en een afname van de handels- en overige vorderingen van € 19,7m. Een stijging van de uitgestelde belastingvorderingen van € 11,7m neutraliseert deze dalingen gedeeltelijk.

Materiële vaste activa nemen af, dit is het netto-effect van gedane investeringen (€ 48,9m) en afschrijvingen (€ 48,1m). De afschrijvingen stijgen met € 5,3m door de opname voor een volledig jaar van Fresh en Horticulture in AY 16/17. De investeringen bestaan uit terreinen en gebouwen (€ 3,0m), installaties, machines en uitrusting (€ 13,6m), meubilair en rollend materieel (€ 3,6m), leasing (€ 1,4m) en activa in aanbouw (€ 27,3m). Deze laatste is aanzienlijk hoger dan in AY 15/16 door de gedane investeringen in nieuwe distributiecentra in Fresh, investeringen in Prepared (Lutèce) en Frozen (Polen). De overdrachten en buitengebruikstellingen van de Groep bedragen € 12,2m in AY 16/17. De afname in overige immateriële vaste activa komt voornamelijk uit de lopende afschrijving van klantenrelaties (€ 10,7m). De investeringen in overige immateriële vaste activa belopen € 2,9m op 31 maart 2017, voornamelijk bestaande uit software en licenties. De daling van de langlopende handels- en overige vorderingen wordt grotendeels verklaard door de afwikkeling van overige vorderingen op verbonden partijen. De stijging van de uitgestelde belastingvorderingen is het gevolg van de stroomlijning van de bedrijfsstructuur.

Vlottende activa

De vlottende activa dalen met € 74,9m naar € 725,5m. De daling wordt voornamelijk verklaard door een sterke afname van handels- en overige vorderingen van € 47,1m, alsmede een daling van geldmiddelen en kasequivalenten van € 24,7m en overige financiële activa van € 5,7m.

De daling van de handels- en overige vorderingen is hoofdzakelijk het gevolg van een toename van de gefactorde handelsvorderingen. Geldmiddelen en kasequivalenten dalen na de herfinanciering, waardoor een meer groepsgericht cash management mogelijk is. De afname in overige financiële activa komt voornamelijk voort uit de verkoop van The Fruit Farm Group obligatie.

Eigen vermogen

Het totale eigen vermogen bedraagt € 706,2m en vertegenwoordigt 35,5% van het balanstotaal op 31 maart 2017. De daling van € 22,0m ten opzichte van AY 15/16 komt voornamelijk voort uit het inkoopprogramma eigen aandelen en de dividenduitkering. Sinds de aankondiging van de inkoop in maart 2017 heeft de Onderneming 1.034.677 aandelen teruggekocht voor een totaalbedrag van € 16,4m. Het dividend betaald in oktober 2016 bedroeg € 8,9m.

Langlopende verplichtingen

Langlopende verplichtingen dalen met € 17,1m tot € 517,7m. De daling is voornamelijk toe te schrijven aan een daling van de rentedragende leningen van € 39,8m, gecompenseerd door een stijging van de overige financiële verplichtingen van € 24,2m.

De daling van de rentedragende leningen is het netto-effect van de stijging van de bankleningen van € 136,0m en de afname van obligatieleningen van € 175,8m, beide door de herfinanciering. De stijging van de overige financiële verplichtingen is voornamelijk toe te schrijven aan de opname van de conversieoptie op de converteerbare obligatielening van € 25,7m, na de herfinanciering.

Kortlopende verplichtingen

De kortlopende verplichtingen bedragen € 766,7m, een daling van € 56,6m ten opzichte van AY 15/16. Deze daling is het nettoeffect van enerzijds een sterke vermindering van rentedragende leningen (€ 64,3m), voorzieningen (€ 5,3m) en overige financiële verplichtingen (€ 2,8m), en anderzijds van een toename van handels- en overige schulden van € 15,8m.

De daling van de rentedragende leningen is het gevolg van het lager opgenomen bedrag op het wentelkrediet op 31 maart 2017 ten opzichte van 31 maart 2016. De daling van de voorzieningen is voornamelijk toe te schrijven aan het gebruik van voorzieningen gedurende AY 16/17. De stijging van de handels- en overige schulden is het resultaat van verbeterd werkkapitaalbeheer, deels gecompenseerd door een daling van de overige schulden van € 12,5m.

Er zijn geen wijzigingen in de waarderingsregels met een significante impact op de gerapporteerde resultaten of de financiële positie van de Groep, behalve deze opgenomen in de toelichting 2.3 Basis van consolidatie.

3. Geconsolideerde kasstroom

De kasstroom van AY 16/17 is niet volledig vergelijkbaar met deze van AY 15/16 omdat Fresh en Horticulture vorig jaar niet volledig werden opgenomen.

De kasstroom uit operationele activiteiten blijft op een hoog niveau van € 192,2m in AY 16/17, vergeleken met een operationele kasstroom van € 218,3m in AY 15/16 of een daling van € 26,1m. Deze daling is het gevolg van een solide EBIT en hogere aanpassingen voor voornamelijk niet-geldelijke items, tegengesteld door een daling van het netto werkkapitaal vergeleken met AY 15/16. De netto werkkapitaalbeweging in AY 15/16 weerspiegelt de opname van Fresh en Horticulture. De vermindering van de betaalde winstbelastingen is het gevolg van inspanningen om het effectieve belastingtarief te verbeteren.

De kasstroom uit investeringsactiviteiten bedraagt € -43,0m, wat € 2,1m lager is dan in AY 15/16. De aanschaffingen van immateriële vaste activa en materiële vaste activa dalen met € 9,0m, hoofdzakelijk door timing.

De kasstroom uit financieringsactiviteiten neemt stevig af met € 122,9m naar € -175,4m. Dit komt voornamelijk door de netto kasuitstroom na de herfinanciering en daarmee verband houdende kosten.

DIVIDENDEN

De Raad van Bestuur stelt voor om het dividend stabiel te houden op €0,20 per aandeel. Het dividend is onderhevig aan goedkeuring door de aandeelhouders op de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 15 september 2017. De ex-coupon datum is 29 september 2017 en het dividend is betaalbaar op 4 oktober 2017. Het is de bedoeling van de Raad van Bestuur om een duurzaam dividend uit te keren in de toekomst. Dit voorstel tot dividenduitkering bevestigt het vertrouwen die de Raad van Bestuur stelt in de toekomst van de Groep.

POSITIE VAN DE VENNOOTSCHAP: RISICO'S EN ONZEKERHEDEN

De Groep is verplicht de belangrijkste risico's en onzekerheden bekend te maken, die de financiële positie en resultaten hebben beïnvloed of zouden kunnen beïnvloeden. Samen met de bijbehorende risicobeperkende maatregelen worden deze risico's hieronder beschreven. Niettemin geeft de lijst hieronder de risico's niet weer volgens prioriteit, noch betreft het een exhaustieve beschrijving van alle risico's waarmee de Groep momenteel wordt geconfronteerd.

Beschikbaarheid en prijzen van verse grondstoffen en verbruiksgoederen

Tekorten aan grondstoffen en verbruiksgoederen kunnen de resultaten van de Groep negatief beïnvloeden. Long Fresh verkrijgt verse producten voor de verwerking van diepvriesgroenten en -fruit van 800 landbouwers in België, Frankrijk, Polen en Hongarije. De bevoorrading in het Verenigd Koninkrijk wordt bewerkstelligd door lokale landbouwcoöperatieven en verscheidene tussenpartijen. Anderzijds, voor wat betreft de verwerking van conservengroenten en –fruit wordt de toevoer van verse producten bewerkstelligd door ongeveer 4.500 ha landbouwgrond in een straal van 100 km rond de belangrijkste productiesites in België en Nederland. Long Fresh hanteert doorgaans vaste jaarovereenkomsten, waarbij de prijs per groente is vastgelegd voor het zaaiseizoen. Eventuele tekorten in de markt kunnen gecompenseerd worden door de aankoop van verse grondstoffen op de spotmarkt. Afhankelijk van het type groente, worden het aantal hectares grond en de verwachte opbrengst (tonnen per hectare) vastgelegd en overeengekomen. Zelfs indien de verwachte opbrengst niet wordt gerealiseerd, wordt de inkoopprijs per ton niet gewijzigd.

Fresh bekomt het merendeel van haar voorraad verse grondstoffen via externe weg. Voor al haar verschillende soorten verkoopprogramma's wordt de inkoopprijs gebaseerd op de dan geldende consumptieprijzen of vastgelegd binnen op voorhand bepaalde prijsklasses. Algemeen gesteld worden de telers vergoed op basis van de verkoopprijzen van de retailers, sporadisch op basis van een minimaal gegarandeerde prijs (die wordt bewerkstelligd door middel van bevoorschotting bij aanvang van het seizoen), of op basis van afgesproken prijsvorken.

Horticulture voorziet momenteel het grootste deel van de productie via eigen turfproductie in Letland, Polen en Rusland. Daarnaast onderhoudt Horticulture langdurige nauwe samenwerkingsverbanden met externe producenten.

Ondanks de nodige aandacht en daaruit volgende acties, alsook een actiever samenwerkingsbeleid ten aanzien van telers, is de Groep voor het aanbod en prijszetting van haar verse grondstoffen (zie verder) ook sterk afhankelijk van eventuele schommelingen in (tijdelijke en/of permanente) klimatologische omstandigheden en bodemkwaliteit.

Energieprijzen

De Groep is voor haar bedrijfsvoering eveneens afhankelijk van energiebronnen zoals gas, elektriciteit, benzine, diesel en stookolie. De prijs van diesel heeft een impact op de exploitatiekosten van de machines die voor de turfoogsten worden ingezet (Horticulture). Het merendeel van deze kosten wordt vastgelegd door middel van prijsovereenkomsten op middellange of lange termijn.

Verkoopprijzen

Niettegenstaande aankoopprijsstijgingen soms leiden tot heronderhandelingen met klanten, gebeurt het ook dat deze niet (volledig) kunnen worden doorgerekend omwille van de sterke onderhandelingsmacht van sommige retailklanten, dit met een mogelijke impact op de marges van de Groep. Te gepasten tijde voert de Groep een gedecentraliseerd prijsbeleid, waarbij het lokale management de vrijheid krijgt verkoopprijzen te bepalen, rekening houdend met de lokale vraag- en markteigenschappen.

Daarenboven hebben wisselende weersomstandigheden, internationaliseringstrends in de sector en wijzigingen in het concurrentielandschap een invloed op de prijszetting en winstgevendheid van de Groep.

Klantafhankelijkheid

De Groep wordt gekenmerkt door een hoge klantafhankelijkheid; de belangrijkste tien klanten vertegenwoordigen ongeveer 63% van de geconsolideerde jaaromzet. De Groep gelooft dat haar klanten aankoopbeslissingen maken zich baserend op onder andere, prijs, kwaliteit van product, vraag, kwaliteit van dienstverlening en de vereiste voorraadrotatie. Wijzigingen in de strategieën of aankooppatronen van klanten kunnen een negatief effect hebben op het bedrijfsresultaat, aangezien de Groep niet in de positie kan zijn om enerzijds overschotten te verkopen of anderzijds haar positie in te dekken aangezien ze lange termijn verplichtingen kan hebben ten opzichte van telers van wie ze haar producten afneemt. Klanten kunnen aankoophoeveelheden verminderen teneinde te reageren op (i) door de Groep doorgerekende prijsstijgingen, (ii) de beslissing om van leverancier te veranderen of om het inkoopbeleid (gedeeltelijk) te internaliseren, en/of (iii) wijzigende sectortrends.

De Groep gelooft dat haar customer intimacy strategie de sleutel is tot het nastreven van het verbeteren van de marge en het volume en van stabiliteit. De Groep blijft zich, op alle managementniveaus, verder concentreren op innovatie en klantenvoorkeuren, en wenst de langdurige klantrelaties verder uit te bouwen door in te spelen op hun specifieke behoeftes door middel van innovatieve oplossingen op het vlak van productaanbod alsook logistieke dienstverlening. De Groep is van mening dat er nog steeds mogelijkheden zijn om dit verder te verhogen, door middel van het nastreven van de ontwikkeling van de bestaande klantrelaties en, daarmee, de verbetering van de reputatie onder food retailers als een toonaangevende full-service provider. De Groep, meer bepaald het Fresh segment, opereert momenteel als complete service provider voor een aantal klanten en gaat verder met de overgang van andere bestaande klantenrelaties weg van het transactionele model en richting een meer geïntegreerd business model.

Het kredietrisico wordt centraal beheerd en nauw opgevolgd door de Groep. Om zichzelf in te dekken tegen wanbetalingen vanwege klanten en financiële verliezen voortkomend uit faillissementen, doet de Groep beroep op de diensten van internationale kredietverzekeraars, en hanteert daarbovenop strikte interne kredietlimieten. Voor bijkomende informatie wordt verwezen naar toelichting 6.18. Beleid inzake risicobeheer.

Klimatologische omstandigheden

De Groep en haar externe telers hebben incidenteel te kampen met gewasziektes, insectenplagen, ongunstige weersomstandigheden zoals overstromingen, droogtes, windhozen en orkanen, en natuurrampen zoals aardbevingen, en andere nadelige omgevingsfactoren. Ongunstige omstandigheden en, meer in het bijzonder onvoorspelbare weerpatronen, kunnen leiden tot volume- en prijsvolatiliteit. In de mate van het mogelijke wordt dit risico beperkt door middel van geografische spreiding van toevoer.

Ondanks het feit dat zij vaak handelt op een basis van 'free consignment' voor telers, deelt het Fresh segment in de praktijk vaak het risico van nadelige omgevingsfactoren met de landbouwers, gezien de lange termijn relatie die zij hebben met de Groep. Daarnaast financiert het Fresh segment de teelt van gewassen voor bepaalde van haar telers en leveranciers, en kan zij nadelige effecten ondervinden indien zij niet wordt terugbetaald of wanneer terugbetaling wordt uitgesteld wegens nadelige omgevingsfactoren die gevolgen hebben voor die landbouwers en leveranciers, of wegens andere redenen.

Daarnaast hangt, wat Horticulture betreft, de kwaliteit van turf ook sterk af van weersomstandigheden. De oogst van turf is alleen mogelijk na een natuurlijke droogcyclus (waarvoor wind of zon nodig is), en aanzienlijke neerslag zal bijgevolg de hoeveelheden oogstbare turf verminderen. Vochtige turf zal daarenboven minder stabiel zijn, minder fractionering genereren, de kwaliteit van de substraten verlagen en zwaarder zijn om te transporteren.

Samen met andere elementen, zoals bodemvermoeidheid op velden voor bepaalde gewassen, zijn de weersomstandigheden een dwingende reden voor de Groep om de afhankelijkheid van de oogst in een bepaald gebied zo veel mogelijk te verminderen. Dit risico wordt beheerd door de internationale geografische spreiding van de activiteiten en duurzame samenwerking met de telers.

Seizoensgebondenheid en werkkapitaal

Seizoensgebondenheid is belangrijk voor de Groep, toch bestaan er desbetreffend tegengestelde trends over de verschillende operationele segmenten heen. Long Fresh kent een productiepiek, met bijhorende inventarisopbouw, in de periode juli tot november, terwijl de vraag relatief stabiel is gedurende het jaar. Dit zorgt voor hoge werkkapitaalschommelingen in de laatste twee kwartalen van het kalenderjaar. In Fresh wordt een grotere hoeveelheid van de verkopen gedurende de eerste twee kwartalen van het kalenderjaar gerealiseerd, terwijl het derde en vierde kwartaal van het kalenderjaar typisch gepaard gaan met ietwat lagere verkopen en minder homogene verkooppatronen dan in de eerste jaarhelft. Het negatieve werkkapitaal van Fresh wordt meer dan gecompenseerd door de behoeftes van Long Fresh en Horticulture.

Omwille van hoge seizoensgebondenheid, kan een vermindering van de productiecapaciteit een grote invloed hebben op de resultaten van de Groep tijdens het hoogseizoen, waarbij hoge voorraden dienen aangehouden en gefinancierd te worden. Het werkkapitaal en de liquiditeit van de Groep wordt centraal beheerd en nauw opgevolgd, teneinde adequaat en tijdig te kunnen reageren op grote schommelingen zodat haar financieringsbehoeftes en –bronnen optimaal op elkaar worden afgestemd.

Geopolitieke veranderingen

Overheidsmaatregelen om inflatie te controleren en speculatie over mogelijke toekomstige overheidsmaatregelen hebben vaak bijgedragen tot de negatieve economische impact van inflatie en geleid tot algemene economische onzekerheid. Depreciaties van de lokale munten ten opzichte van de euro kunnen ook voor bijkomende inflatiedruk zorgen bij de lokale jurisdicties, wat een negatief effect kan hebben op de Groep, aangezien depreciaties de toegang tot de buitenlandse financiële markten kunnen beperken en overheidsinterventies kunnen stimuleren, inclusief een recessief overheidsbeleid. In de afgelopen jaren hebben de VS, EU en VN meer sancties en embargo's opgelegd op de handel met landen als Iran, Syrië, Soedan en anderen. Er werden soortgelijke sancties getroffen door de VS en de EU tegen de Russische Federatie, en vervolgens ook door de Russische Federatie tegen de VS en de EU. Aangezien de Groep wereldwijd activiteiten heeft, kan het dat de Groep en haar concurrenten, verdelers, leveranciers en klanten niet in staat zijn om hieraan te voldoen of lijden onder de handelssancties en embargo's.

In deze context, volgt de Groep de wereldwijde politieke trends nauw op en neemt te gepasten tijde de nodige maatregelen desbetreffend. Gespreide geografische dekking van logistieke, handels- en teeltactiviteiten helpt dit risico deels mee in te perken.

Productaansprakelijkheid

Indien er van het door de Groep verkocht product wordt beweerd of aangetoond dat zij besmettelijke stoffen of bacteriën bevat die de veiligheid of kwaliteit van haar producten beïnvloed, kan het nodig zijn vervangende producten te vinden, haar productie uit te stellen of producten te vernietigen of af te voeren, wat uiteraard invloed kan hebben op de groepsresultaten. Bovendien, indien de aanwezigheid van dergelijke verontreinigingen of bacteriën pas wordt beweerd of ontdekt nadat het getroffen product werd verspreid, zal de Groep de getroffen producten dienen terug te nemen of roepen, met negatieve publiciteit of claims betreffende productaansprakelijkheid tot mogelijk gevolg.

De Groep kan ook geconfronteerd worden met productterugroepingen, inclusief vrijwillige terugroepingen of terugtrekkingen, en nadelige public relations indien wordt beweerd dat haar producten letsels of ziektes kunnen veroorzaken, of indien wordt beweerd dat de Groep haar producten heeft voorzien van een ongepast of incorrect etiket of merknaam of op een andere wijze overheidsreguleringen heeft overtreden. De Groep kan ook producten waarvan ze vindt dat deze beneden haar normen zijn wat betreft smaak, uiterlijk of dergelijke vrijwillig terugroepen of terugtrekken, om haar merkreputatie te beschermen. Bezorgdheden van de consumenten of klanten (al dan niet gerechtvaardigd) betreffende de veiligheid van de producten van de Groep kunnen een negatieve invloed hebben op haar bedrijfsactiviteiten. Een productterugroeping of -intrekking kan leiden tot ingrijpende en onverwachte uitgaven, de vernietiging van producten in voorraad en omzetverlies doordat het product voor een bepaalde tijd niet beschikbaar is, waardoor de winstgevendheid en kasstromen kunnen verminderen.

De Groep hanteert HACCP en ISO-normen, naast het feit dat zowel Groep als segmentmanagement nauw de kwaliteit en hiermee gepaard gaande compliance monitort. Bovendien werden langdurige samenwerkingsverbanden met telers aangegaan, dewelke zich ertoe verbinden om aan diezelfde standaarden en normen van de Groep te voldoen.

Veranderingen in wet- en regelgeving

De activiteiten van de Groep worden aan uitgebreide regelgevingen onderworpen in de landen waar ze actief is, zo onder meer op het gebied van deugdelijk bestuur, arbeids-, belasting-, concurrentie-, milieu-, gezondheids- en veiligheidsregelgevingen. Nietnaleving van de bestaande wet- en regelgeving kan voor de Groep leiden tot schade, boetes en strafrechtelijke sancties, exploitatievergunningen kunnen opgeheven worden en de reputatie kan geschaad worden. Naleving van toekomstige, wezenlijke wijzigingen van reglementering betreffende voedselveiligheid, en een toename in overheidsreglementering (zoals voorgestelde vereisten die een verhoogde voedselveiligheid tot doel hebben, gezondheidsreglementering opleggen, of het nodig maken geïmporteerde ingrediënten te reglementeren) kunnen resulteren in wezenlijke verhogingen van de operationele kosten, en kunnen onderbrekingen veroorzaken van de activiteiten van de Groep om dergelijke gewijzigde regelgeving te implementeren, met een mogelijk ongunstig financieel effect tot gevolg.

Er is een brede waaier aan voorgestelde en afgekondigde nationale en internationale regelgevingen geweest, gericht op het beperken van de nadelige gevolgen van klimaatverandering. Dergelijke regelgeving kan van toepassing zijn in landen waar de Groep belangen heeft of in de toekomst kan hebben. Op reguliere basis volgt de Group nauwgezet eventuele belangrijke wijzigingen op, en begroot het in functie daarvan eveneens haar toekomstige kapitaal- en operationele uitgaven, ter naleving van milieu-, gezondheids- en veiligheidsregelgevingen.

Valutarisico

De Groep is internationaal actief en wordt blootgesteld aan verschillende valutarisico's. De US dollar en Britse pond zijn naast de euro de belangrijkste valuta. Van relatief minder belang zijn de Poolse zloty en Tsjechische kroon. Het management van de Groep heeft duidelijke richtlijnen opgesteld ten aanzien van de dochterondernemingen betreffende het lokale beheer van vreemde valutarisico's. Volgens deze richtlijnen worden de dochterondernemingen verplicht om zich in te dekken tegen vreemde valutaschommelingen via Corporate Treasury. De indekking tegen toekomstige valutaschommelingen gebeurt door middel van valutatermijncontracten. Hoewel de Groep natuurlijke en transactionele hedging aangaat, kan geen garantie worden gegeven dat de Groep in staat is om zich, op lange termijn, tegen dergelijke valutarisico's succesvol in te dekken. Meer specifiek kan de bezorgdheid betreffende de soevereine schuldencrisis binnen de eurozone resulteren in verhoogde volatiliteit van de wisselkoersen. Voor bijkomende informatie wordt verwezen naar toelichting 6.18. Beleid inzake risicobeheer.

Rentevoetrisico

Het rentevoetrisico van de Groep is gespreid over vaste en variabele interestvoeten. De Groep heeft een retail en converteerbare obligatielening uitgegeven aan vaste coupon van respectievelijk 5% en 3,75%. Anderzijds, wordt de Groep blootgesteld aan variabele rentevoeten op haar wentelkrediet, factoringprogramma's en termijnlening. De Groep dekt zich deels in tegen variabele interestvoeten door middel van renteswaps. Voor bijkomende informatie wordt verwezen naar toelichting 6.18. Beleid inzake risicobeheer.

Liquiditeitsrisico en naleving van convenanten

Het totaal der kortlopende verplichtingen van de Groep overstijgt het totaal der vlottende activa, hetgeen een liquiditeitsrisico op korte termijn zou kunnen inhouden. Ter zake heeft het management van de Groep strikte maatregelen getroffen. Prognoses van kortetermijnkasstromen worden op reguliere basis opgemaakt door de dochterondernemingen en centraal opgevolgd door Corporate Treasury. Corporate Treasury volgt de prognose van de financierings- en werkkapitaalbehoeftes nauwgezet om zich er van te verzekeren dat er voldoende liquiditeit is in functie van de operationele behoeftes, doch rekening houdend met de financieringsruimte die bestaat op basis van de bestaande en opgenomen kredietlijnen, en dit om inbreuken op de kredietlimieten en convenanten te allen tijde te vermijden. Voor bijkomende informatie wordt verwezen naar toelichting 6.18. Beleid inzake risicobeheer.

Bijzondere waardeverminderingen op goodwill en overige vaste activa

De netto boekwaarde van financiële activa, materiële vaste activa, en overige immateriële vaste activa wordt op elke afsluitdatum beoordeeld om te bepalen of er enige aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering. Indien dergelijke indicaties bestaan, dan wordt de realiseerbare waarde van het actief geschat. Op jaarbasis wordt de goodwill getest op mogelijke waardeverminderingen. Er wordt een waardevermindering opgenomen wanneer de boekwaarde van een actief of een kasstroomgenererende eenheid hoger is dan het realiseerbare bedrag. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Indicatoren voor eventuele waardeverminderingen op goodwill worden op kwartaalbasis opgevolgd en jaarlijks gecommuniceerd aan het Auditcomité, opdat gepaste maatregelen kunnen getroffen worden wanneer nodig. Voor bijkomende informatie wordt verwezen naar toelichting 6.2. Goodwill.

ONDERZOEK EN ONTWIKKELING, INNOVATIE EN DUURZAAMHEID

Productontwikkeling en innovatie

De zorg voor kwaliteit staat meer dan ooit centraal binnen alle activiteiten van de Groep. Alle medewerkers worden nauw betrokken bij het continue streven naar de kwaliteitsverbetering van de producten en de processen. Op het vlak van productontwikkelingen houdt de Groep er een consumentgerichte aanpak op na waarbij rekening wordt gehouden met klantenbehoeften zoals het streven naar lekkere en gezonde voeding of eenvoudig te bereiden gerechten, genot en duurzaamheid, met als doel om productinnovatie te stimuleren in elk van de divisies. Het afgelopen boekjaar werden net als in de voorgaande jaren heel wat nieuwe producten, productvariëteiten, bereidingswijzen en verpakkingsvormen ontwikkeld en succesvol gecommercialiseerd. Een aantal van deze producten werd ook erkend voor het innovatieve karakter en werden genomineerd voor industrieprijzen.

De interne R&D departementen van de Groep waken gedurende het volledige proces over de kwaliteit van de ontwikkelingen en de doorstroom van informatie in de organisatie. Fresh, Long Fresh en Horticulture hebben respectievelijk 25, 10 en 5 toegewijde personeelsleden in dienst om nieuwe producten te ontwikkelen en deel te nemen aan onderzoekssamenwerkingen. Momenteel zijn er ook een aantal R&D programma's, die mede gefinancierd worden door externe nationale en internationale instellingen.

De voedselverwerkende activiteiten van de Groep blijven verder investeren in de best presterende en innovatieve installaties en machines waardoor ze producten kunnen ontwikkelen aan een hoog tempo en daarmee kunnen inspelen op de snel veranderende marktontwikkelingen.

Duurzaamheid

Duurzaamheid is een belangrijke pijler waarop de strategie van de Onderneming is gebouwd. Het is geïntegreerd binnen de Visie en Missie van de Onderneming en wordt ondersteund door een duidelijk engagement om de markten van gezonde en veilige groenten en fruit te voorzien op de meest duurzame manier.

De Groep heeft zich voorgenomen om de milieu-impact van al zijn activiteiten te verminderen, met inbegrip van productie, opslag, transport, verpakking en logistiek. We meten en monitoren zorgvuldig ons gebruik van energie, water en andere middelen en optimaliseren waar mogelijk. In onze verwerkingsinstallaties wordt bijzondere aandacht besteed aan waterverbruik, wat nodig is om onze groenten en fruit te wassen. Daarnaast hebben we geïnvesteerd in geavanceerde waterbehandelingsinstallaties.

Het verminderen van voedselafval voor al onze activiteiten is een absolute prioriteit voor de Groep. Onze geavanceerde rijpcentra en flexibele logistiek zorgen ervoor dat groenten en fruit op het juiste moment aan de consument worden geleverd. Onze vriesverse en bereide producten verminderen de hoeveelheid voedsel die thuis bij de consument wordt verspild, aangezien ze over een langere periode kunnen worden verbruikt en perfect geportioneerd kunnen worden. Ze laten ons ook toe om het breedste assortiment van kwaliteit te oogsten en te verwerken, met gebruik van groenten en fruit die niet voldoen aan esthetische specificaties in soepen of sauzen. Onze afdeling Horticulture maakt gebruik van niet-eetbare groenten- en plantaardige residuen om meststoffen te produceren voor potgrond, waardoor we de cirkel kunnen sluiten. Eventuele resterende eetbare overblijfselen gaan in diervoeder, terwijl niet-eetbare overblijfselen worden omgezet in hernieuwbare energie.

Dochterondernemingen nemen ook actief deel aan verschillende globale en regionale duurzaamheidsinitiatieven, bijvoorbeeld GlobalGAP, IDH Sustainable Trade Initiative, Business Social Compliance Initiative, Sustainable Entrepreneurship Charter (een initiatief van de Vlaamse Overheid, Voka en de Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij). Verder werken dochterondernemingen ook mee aan duurzaamheidsprojecten als lid van hun nationale industrieorganisatie.

De Groep is gestart met de voorbereiding van een duurzaamheidsrapport voor AY 17/18 dat zal voldoen aan de vereisten van EUdirectieve 2014/95 met betrekking tot de openbaarmaking van niet-financiële en gediversifieerde informatie door een aantal grote ondernemingen en groepen. De rapporteringsvereiste van de EU beïnvloedt beursgenoteerde ondernemingen zoals Greenyard met meer dan 500 werknemers en/of een balanstotaal van meer dan € 20,0m en/of een netto-omzet van meer dan € 40,0m. Het rapport zal informatie omvatten over de resultaten van de Groep op het vlak van milieu, omgeving, werknemers, mensenrechten, anti-corruptie en diversiteit.

BELANGRIJKE GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM

De Groep kondigde op 14 juni 2017 de overname van Mykogen Polska S.A. aan, een toonaangevende producent van topkwaliteit champignonsubstraat. De overname is onder voorbehoud van het verkrijgen van de vereiste wettelijke goedkeuringen alsook goedkeuring van derde partijen en andere gebruikelijke voorwaarden.

Op 20 juni 2017 kondigde Gimv aan dat zij geen aandelen meer aanhouden in de Onderneming, hierdoor stijgt het aantal vrij verhandelbare aandelen.

Er zijn geen andere belangrijke gebeurtenissen na balansdatum die een belangrijke impact hebben op de verdere evolutie van de Onderneming.

CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING

De algemene principes en bepalingen in verband met de governance structuur van Greenyard, en meer bepaald in verband met de rol en verantwoordelijkheden, de samenstelling en werking van de Raad van Bestuur, zijn adviserende Comités en het Leadership Team staan beschreven in het Corporate Governance Charter.

Greenyard volgt nauwgezet de ontwikkelingen op en past haar corporate governance structuur waar nodig aan. De Raad van Bestuur herziet het Corporate Governance Charter regelmatig en waar nodig worden aanpassingen gemaakt. Het Charter dat werd opgesteld door de Raad van Bestuur op 2 juli 2015, werd tijdens AY 16/17 herzien en gewijzigd. Het gewijzigde Charter werd op 13 oktober 2016 door de Raad van Bestuur goedgekeurd.

Het Corporate Governance Charter kan worden geraadpleegd op de website (www.greenyard.group).

Greenyard gebruikt de Belgische Corporate Governance Code 2009 als referentiecode1 , hierbij rekening houdend met het feit dat Greenyard een genoteerde vennootschap is. Tenzij uitdrukkelijk anders gesteld en gemotiveerd, voldoet onderhavige Corporate Governance Verklaring aan de regels voorzien in de Belgische Corporate Governance Code 2009.

1. Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur is het belangrijkste beslissingsorgaan en beslist over de waarden en de strategie van Greenyard, haar risicoprofiel en de sleutelelementen van haar beleid. De rol van de Raad van Bestuur bestaat erin het lange termijn succes van de Groep na te streven door middel van een efficiënt risicobeheer en controle. De Raad van Bestuur zorgt ervoor dat de nodige financiële en menselijke middelen beschikbaar zijn opdat Greenyard haar doelstellingen kan bereiken.

1.1. Samenstelling

De Raad van Bestuur bestaat uit minstens drie bestuurders. Ten minste de helft van de bestuurders zijn niet-uitvoerend, en ten minste drie van hen zijn onafhankelijk. De samenstelling van de Raad van Bestuur wordt verder bepaald op basis van complementariteit inzake bekwaamheid, ervaring en kennis.

De bestuurders worden benoemd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders voor een duur van maximum zes jaar. De Raad van Bestuur doet aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders een voorstel voor de (her)benoeming als bestuurder op basis van de kandidatenlijst opgesteld door het Benoemingscomité.

Per 31 maart 2017 is de Raad van Bestuur samengesteld uit elf bestuurders, van wie drie van hen uitvoerende bestuurders zijn en drie van hen onafhankelijk in de zin van artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen. Het mandaat van alle bestuurders, met uitzondering van Aalt Dijkhuizen B.V. (vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen) en dhr. Marc Wittemans, verstrijkt onmiddellijk na de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders te houden in 2019 met betrekking tot het boekjaar eindigend op 31 maart 2019. Het mandaat van Aalt Dijkhuizen B.V. (vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen) en dhr. Marc Wittemans als bestuurder verstrijkt onmiddellijk na de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders te houden in 2020 met betrekking tot het boekjaar eindigend op 31 maart 2020.

In het kader van artikel 96 §2, 6° van het Wetboek van vennootschappen en gelet op de vereisten inzake genderquota vervat in artikel 518bis van het Wetboek van vennootschappen, dient minstens een derde van de leden van de Raad van Bestuur van een ander geslacht te zijn dan de andere leden. Per 31 maart 2017 is de Raad van Bestuur samengesteld uit drie vrouwelijke bestuurders van de in totaal elf bestuurders. Aangezien Greenyard's free float minder dan 50% bedraagt, zal de verplichting inzake genderquota pas vanaf 1 april 2019 op de Onderneming van toepassing zijn. Het voorgaande betekent dat indien het totale aantal bestuurders hetzelfde zou blijven, het aantal vrouwelijke bestuurders tegen 1 april 2019 zal dienen toe te nemen tot vier. In voorkomend geval zal de benoemingsprocedure voor een nieuwe vrouwelijke bestuurder ten gepaste tijde door het Benoemingscomité worden opgestart teneinde voor 1 april 2019 aan deze vereiste te voldoen.

Mevr. Fran Ooms, legal counsel van de Onderneming, is aangeduid als secretaris van de Raad van Bestuur.

1 De Belgische Corporate Governance Code 2009 kan geraadpleegd worden op de website van het Corporate Governance Committee (www.corporategovernancecommittee.be).

Naam bestuurder Datum
(her)benoeming
Einde mandaat Uitvoerend / niet
uitvoerend
Onafhankelijk / niet
onafhankelijk
Deprez Invest NV, vv. dhr. Hein Deprez 19/06/2015 GAV 2019 Uitvoerend Niet-onafhankelijk
The Marble BVBA, vv. dhr. Luc Van Nevel (1) 19/06/2015 16/09/2016 Voorzitter
Niet-uitvoerend
Niet-onafhankelijk
(onafhankelijk tot
1 juli 2016)
Mevr. Hilde Laga 25/11/2014 GAV 2019 Niet-uitvoerend Onafhankelijk
Ardiego BVBA, vv. dhr. Arthur Goethals 19/06/2015 16/09/2016 (2) Niet-uitvoerend Onafhankelijk
Management Deprez BVBA, vv. mevr. Veerle
Deprez
19/06/2015 GAV 2019 Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Dhr. Peter Gain 19/06/2015 27/09/2016 (3) Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Dhr. Thomas Borman 19/06/2015 GAV 2019 Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Bonem Beheer BVBA, vv. dhr. Marc Ooms 19/06/2015 GAV 2019 Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Dhr. Charles-Henri Deprez 19/06/2015 GAV 2019 Uitvoerend(4) Niet-onafhankelijk
Dhr. Peter Maenhout 19/06/2015 16/09/2016 (5) Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Dhr. Jozef Marc Rosiers 19/06/2015 13/05/2016 (6) Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Intal BVBA, vv. dhr. Johan Vanovenberghe 19/06/2015 GAV 2019 Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Mavac BVBA, vv. mevr. Marleen Vaesen 19/06/2015 GAV 2019 Uitvoerend (CEO) Niet-onafhankelijk
Argalix BVBA, vv. dhr. Francis Kint 19/06/2015 1/06/2016 (7) Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Gescon BVBA, vv. dhr. Dirk Van Vlaenderen 5/07/2016(8) GAV 2019 Niet-uitvoerend Onafhankelijk
Aalt Dijkhuizen B.V., vv. dhr. Aalt Dijkhuizen 21/02/2017(9) GAV 2020 Niet-uitvoerend Onafhankelijk
Dhr. Marc Wittemans 16/09/2016(6) GAV 2020 Niet-uitvoerend Niet-onafhankelijk
Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden in 2016.
(3) Dhr. Peter Gain heeft vrijwillig ontslag genomen als bestuurder met ingang van 27 september 2016.
(4) Dhr. Charles-Henri Deprez heeft een uitvoerende functie als Finance Manager van Bakker Barendrecht B.V. (een dochteronderneming van de
Onderneming) en wordt bijgevolg beschouwd als een uitvoerend bestuurder.
(5) Dhr. Peter Maenhout heeft vrijwillig ontslag genomen als bestuurder met ingang van 16 september 2016, na de Gewone Algemene Vergadering
van Aandeelhouders gehouden in 2016.
(6) Dhr. Jozef Marc Rosiers, die op voordracht van Agri Investment Fund CVBA (AIF) werd benoemd als bestuurder, heeft vrijwillig ontslag genomen
als bestuurder met ingang van 13 mei 2016. Ingevolge zijn vrijwillig ontslag, werd dhr. Marc Wittemans in zijn vervanging op 16 september 2016 op
voordracht van AIF als bestuurder benoemd voor een periode van vier boekjaren die eindigt onmiddellijk na de Gewone Algemene Vergadering van
Aandeelhouders te houden in 2020 met betrekking tot het boekjaar eindigend op 31 maart 2020.
(7) Argalix BVBA, vast vertegenwoordigd door dhr. Francis Kint, heeft vrijwillig ontslag genomen als bestuurder met ingang van 1 juni 2016.
(8) Op 16 september 2016 heeft de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders Gescon BVBA, vast vertegenwoordigd door dhr. Dirk Van
Vlaenderen, die door de Raad van Bestuur van 5 juli 2016 werd gecoöpteerd, definitief benoemd als onafhankelijke bestuurder voor een periode
van drie boekjaren die eindigt onmiddellijk na de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders te houden in 2019 met betrekking tot het
boekjaar eindigend op 31 maart 2019.
(9) Aalt Dijkhuizen B.V., vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen, werd door de Raad van Bestuur van 21 februari 2017 gecoöpteerd als
onafhankelijke bestuurder, ter vervanging van dhr. Aalt Dijkhuizen, die vrijwillig ontslag heeft genomen als onafhankelijke bestuurder met ingang
van voormelde datum. Op 16 september 2016, werd dhr. Aalt Dijkhuizen door de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd als
onafhankelijke bestuurder voor een periode van vier boekjaren die eindigt onmiddellijk na de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders
te houden in 2020 met betrekking tot het boekjaar eindigend op 31 maart 2020. De Raad van Bestuur zal aan de Gewone Algemene Vergadering
benoemen als onafhankelijke bestuurder voor de resterende duur van het mandaat van dhr. Aalt Dijkhuizen.
1.2.
Rol van de Uitvoerend Voorzitter
Op 2 juli 2015 heeft de Raad van Bestuur de benoeming bekrachtigd van Deprez Invest NV (vast vertegenwoordigd door dhr. Hein
Deprez) als Uitvoerend Voorzitter van de Raad van Bestuur, met ingang van 19 juni 2015, voor de duur van zijn mandaat als
bestuurder.
De Uitvoerend Voorzitter geeft leiding aan de Raad van Bestuur bij het volbrengen van zijn taken en treedt op als tussenpersoon
tussen de aandeelhouders, de Raad van Bestuur en het management van de Onderneming. Hij neemt tevens het voortouw in alle
initiatieven die de doeltreffende werking van de Raad van Bestuur in toepassing van het Corporate Governance Charter beogen.

1.2. Rol van de Uitvoerend Voorzitter

De Uitvoerend Voorzitter onderhoudt nauwe relaties met de Chief Executive Officer en geeft steun en advies, met respect voor de uitvoerende verantwoordelijkheid van de Chief Executive Officer. In nauwe samenwerking met de Chief Executive Officer wijdt de Uitvoerend Voorzitter zich volledig toe aan de opvolging van de strategische richtlijnen en van de input hiervoor ontvangen van het Strategisch Comité. Hij vervult een vooraanstaande rol in het faciliteren en het sturen van de strategische richting van de Groep en neemt actief deel in de fusie- en overnamestrategie en de implementatie ervan. De Onderneming is ervan overtuigd dat het cruciaal is om een actieve voorzitter van de Raad van Bestuur te hebben met een diepgaande ervaring in elk van de dochterondernemingen van de Groep, teneinde de strategische beslissingen te sturen.

1.3. Activiteitenverslag

De Raad van Bestuur vergadert minstens zes keer per jaar op vooraf gestelde data en telkens de noodzaak zich voordoet. In het afgelopen AY 16/17 kwam de Raad van Bestuur zestien maal samen (waarvan tien vergaderingen via telefoonconferentie werden gehouden).

In AY 16/17 heeft de Raad van Bestuur volgende onderwerpen behandeld:

  • Vaststelling van de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekeningen en goedkeuring van het jaarverslag van de Raad van Bestuur;
  • Bijeenroeping van de Algemene Vergaderingen van Aandeelhouders en vaststelling van hun agenda;
  • Evaluatie en goedkeuring van budgetten, forecasts en investeringsprojecten voor de segmenten voor AY 16/17;
  • Goedkeuring van de strategische en financiële lange termijn plannen binnen de Groep;
  • Beoordeling van de financiële en bedrijfsresultaten van de Groep;
  • Toezicht op de Comités en het Leadership Team;
  • Benoeming van de leden van de Comités en het Leadership Team;
  • Goedkeuring van persberichten;
  • Monitoring van reorganisaties en wijzigingen in de Groepsstructuur en het organigram (zoals de verwerving van een meerderheidsparticipatie in de Russische vennootschap Nesterovskoye, de joint venture met Bardsley Farms Ltd., de verwerving van alle aandelen van Lutèce Holding B.V., etc.);
  • Het nemen van alle noodzakelijke stappen en beslissingen met het oog op:
  • o de totstandkoming van transacties met verbonden partijen waarop de procedure van artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen van toepassing is;
  • o de herfinanciering van de financiële instrumenten op Groepsniveau door uitgifte van converteerbare obligaties converteerbaar in nieuw uitgegeven aandelen van de Onderneming, in combinatie met gesyndiceerde bankfinanciering, teneinde de financiële structuur van de Groep te optimaliseren;
  • o de overdracht van de participatie van de Onderneming in de joint venture met Veiling Haspengouw CVBA;
  • o de lancering van een inkoopprogramma van eigen aandelen waarbij de Raad van Bestuur gemachtigd wordt om 1.750.000 aandelen van de Onderneming in te kopen.

1.4. Evaluatie

Onder leiding van zijn Uitvoerend Voorzitter evalueert de Raad van Bestuur tweejaarlijks zijn omvang, samenstelling en werking, alsook die van zijn adviserende Comités en de interactie met het Leadership Team. Deze zelfevaluatie wordt voorbereid door het Benoemingscomité. De resultaten van de formele evaluatieprocedure die door de Raad van Bestuur in 2014 werd uitgevoerd, waren zeer bevredigend. Gezien de wijzigingen in de samenstelling van de Raad van Bestuur, zijn adviserende Comités en het Leadership Team volgend op de totstandkoming van de bedrijfscombinatie op 19 juni 2015 en tijdens AY 16/17, wordt de nieuwe evaluatie die gepland was voor AY 16/17 uitgesteld naar AY 17/18.

De niet-uitvoerende bestuurders evalueren regelmatig hun interactie met het Leadership Team. Daartoe komen zij minstens eenmaal per jaar bijeen in afwezigheid van de Chief Executive Officer en de andere uitvoerende bestuurders.

De taakvervulling, evenals de rol en de verantwoordelijkheden van een individuele bestuurder worden regelmatig geëvalueerd.

2. Auditcomité

Het Auditcomité werd opgericht om de Raad van Bestuur te ondersteunen bij het vervullen van zijn verantwoordelijkheden inzake monitoring met het oog op controle in de ruimste zin. Het Auditcomité is daarbij verantwoordelijk voor de monitoring van het financiële verslaggevingsproces, de doeltreffendheid van de systemen voor interne controle en risicobeheer, de interne audit en zijn doeltreffendheid, de wettelijke controle van de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekeningen en de onafhankelijkheid van de commissaris.

In AY 16/17 bestond het Auditcomité uit:

  • Gescon BVBA(1), Voorzitter en onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Dirk Van Vlaenderen;
  • The Marble BVBA(2) , onafhankelijke bestuurder tot 1 juli 2016, vast vertegenwoordigd door dhr. Luc Van Nevel;
  • Mevr. Hilde Laga, onafhankelijke bestuurder;
  • Dhr. Peter Maenhout(3) ;
  • Dhr. Thomas Borman.

(1) Lid en Voorzitter met ingang van 5 juli 2016.

(2) Voorzitter tot 5 juli 2016 en lid tot 16 september 2016.

De Chief Executive Officer en de Chief Financial Officer worden uitgenodigd om deel te nemen aan de vergaderingen van het Auditcomité.

De leden van het Auditcomité beschikken over een collectieve deskundigheid op het gebied van de activiteiten van de Onderneming. Krachtens artikel 96 §1, 9° van het Wetboek van vennootschappen moet dit verslag de verantwoording bevatten van de onafhankelijkheid en deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit van ten minste één lid van het Auditcomité. Overeenkomstig het intern reglement van het Auditcomité, moet het Auditcomité over voldoende relevante deskundigheid beschikken zodat het zijn rol effectief kan vervullen. De Voorzitter van het Auditcomité, dhr. Dirk Van Vlaenderen (als vaste vertegenwoordiger van Gescon BVBA, onafhankelijke bestuurder), heeft een uitgebreide ervaring en expertise op het gebied van boekhouding en audit. Dhr. Dirk Van Vlaenderen behaalde een diploma Economie aan de Universiteit van Brussel. Hij begon zijn carrière als bedrijfsrevisor bij het auditkantoor Arthur Andersen, waar hij partner werd in 1993. In 2002, na de fusie met Deloitte, werd hij lid van het audit management comité van Deloitte waarbij hij verantwoordelijk was voor de Talent divisie en nadien de Audit divisie. Tijdens de laatste 35 jaar was dhr. Dirk Van Vlaenderen commissaris in een brede waaier van nationale en internationale vennootschappen. Hij was eveneens docent aan de Universiteiten van Brussel en Leuven voor 'Basics of IFRS' en 'Reporting in International Context'.

In de periode tussen 1 april 2016 en 16 september 2016 bestond het Auditcomité niet voor een meerderheid uit onafhankelijke bestuurders. Deze afwijking van bepaling 5.2/4 van Bijlage C van de Belgische Corporate Governance Code 2009 is gerechtvaardigd aangezien alle leden van het Auditcomité voldoende onafhankelijk en gekwalificeerd zijn om hun rol als lid van dit Comité te vervullen. Met ingang van 16 september 2016 is de samenstelling van het Auditcomité in overeenstemming met de Belgische Corporate Governance Code 2009.

Het Auditcomité behandelde in AY 16/17 volgende onderwerpen:

  • Monitoring van de geconsolideerde halfjaarlijkse en jaarresultaten van de Groep en de jaarrekening en geconsolideerde jaarrekening van de Onderneming, en, tot aan de herfinanciering op Groepsniveau, monitoring van de kwartaalresultaten van het segment Fresh;
  • Monitoring en evaluatie van de interne en externe audit;
  • Evaluatie en controle van de 'one-to-one'-regels;
  • Monitoring van de systemen voor interne controle en risicobeheer van de Groep;
  • Opvolging van hangende geschillen en vorderingen;
  • Beoordeling van de voorgestelde transacties met verbonden partijen waarop de procedure van artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen van toepassing is;
  • Monitoring van de herstructurering op intragroepsniveau van de activiteiten, activa, participaties en het management van de Frozen divisie teneinde een goed georganiseerde en efficiënte Groepsstructuur te creëren;
  • Evaluatie van de boekhoudkundige impact als gevolg van de herfinanciering op Groepsniveau.

Het Auditcomité evalueert jaarlijks zijn werking, doeltreffendheid en intern reglement. De resultaten van de formele evaluatieprocedure die werd uitgevoerd tijdens AY 16/17 waren bevredigend.

In AY 16/17 kwam het Auditcomité vijfmaal samen. De commissaris werd uitgenodigd en was aanwezig op drie vergaderingen.

(3) Lid tot 16 september 2016.

3. Benoemingscomité

Het Benoemingscomité staat de Raad van Bestuur bij in alle aangelegenheden die betrekking hebben op de benoeming van de bestuurders en de leden van het Leaderschip Team.

Het Benoemingscomité telt de volgende leden:

  • Deprez Invest NV, Voorzitter, vast vertegenwoordigd door dhr. Hein Deprez;
  • The Marble BVBA(1), onafhankelijke bestuurder tot 1 juli 2016, vast vertegenwoordigd door dhr. Luc Van Nevel;
  • Ardiego BVBA(1), onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Arthur Goethals;
  • Management Deprez BVBA, vast vertegenwoordigd door mevr. Veerle Deprez;
  • Bonem Beheer BVBA, vast vertegenwoordigd door dhr. Marc Ooms;
  • Aalt Dijkhuizen B.V.(2) , onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen;
  • Gescon BVBA(3), onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Dirk Van Vlaenderen.

(1) Lid tot 16 september 2016.

(2) Lid met ingang van 21 februari 2017 ter vervanging van dhr. Aalt Dijkhuizen, die lid was tijdens de periode vanaf 13 oktober 2016 tot zijn vrijwillig ontslag op 21 februari 2017.

(3) Lid met ingang van 13 oktober 2016.

Tot zijn vrijwillig ontslag als bestuurder met ingang van 16 september 2016, werd dhr. Peter Maenhout uitgenodigd om aan de vergaderingen van het Benoemingscomité deel te nemen met raadgevende stem. Het Benoemingscomité kan, indien nodig, de Chief Executive Officer of andere personen op de vergaderingen uitnodigen. De Chief Executive Officer neemt in elk geval deel aan de vergaderingen waarin beraadslaagd wordt over de benoeming van de leden van het Leadership Team.

In afwijking van bepaling 5.3/1 van Bijlage D van de Belgische Corporate Governance Code 2009 bestaat het Benoemingscomité niet voor een meerderheid uit onafhankelijke bestuurders. De Onderneming is echter van mening dat in zijn huidige samenstelling het Benoemingscomité bestaat uit de beste deskundigen op het vlak van kennis van de sector en benoemingsbeleid.

In AY 16/17 kwam het Benoemingscomité eenmaal samen. Deze afwijking van bepaling 5.3/6 van Bijlage D van de Belgische Corporate Governance Code 2009, die aanbeveelt dat het Benoemingscomité op zijn minst tweemaal per jaar zou moeten samenkomen, is gerechtvaardigd om reden dat bepaalde onderwerpen waarover het Benoemingscomité advies aan de Raad van Bestuur dient te geven dermate gerelateerd zijn aan de agendapunten van het Remuneratiecomité dat deze onderwerpen om praktische redenen tezelfdertijd werden besproken tijdens de vergaderingen van het Remuneratiecomité.

4. Remuneratiecomité

Het Remuneratiecomité doet aanbevelingen aan de Raad van Bestuur over het remuneratiebeleid en de individuele vergoeding van de leden van het Leadership Team en de bestuurders. Het Remuneratiecomité stelt ook een remuneratieverslag op.

Het Remuneratiecomité bestaat uit:

  • Aalt Dijkhuizen B.V.(1), Voorzitter en onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen;
  • The Marble BVBA(2), onafhankelijke bestuurder tot 1 juli 2016, vast vertegenwoordigd door dhr. Luc Van Nevel;
  • Ardiego BVBA(3), onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Arthur Goethals;
  • Management Deprez BVBA, vast vertegenwoordigd door mevr. Veerle Deprez;
  • Gescon BVBA(4), onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Dirk Van Vlaenderen.

(1) Lid en Voorzitter met ingang van 21 februari 2017 ter vervanging van dhr. Aalt Dijkhuizen, die Voorzitter en lid was tijdens de periode vanaf 13 oktober 2016 tot zijn vrijwillig ontslag op 21 februari 2017.

(2) Lid en Voorzitter tot 16 september 2016.

(3) Lid tot 16 september 2016. (4) Lid met ingang van 13 oktober 2016.

Tot zijn vrijwillig ontslag als bestuurder met ingang van 16 september 2016, werd dhr. Peter Maenhout uitgenodigd om aan de vergaderingen van het Remuneratiecomité deel te nemen met raadgevende stem. Het Remuneratiecomité kan, indien nodig, de Chief Executive Officer of andere personen op de vergaderingen uitnodigen. De Chief Executive Officer neemt in elk geval deel aan de vergaderingen waarin beraadslaagd wordt over de remuneratie van de leden van het Leadership Team. De Uitvoerend Voorzitter van de Raad van Bestuur kan ook met raadgevende stem deelnemen aan de vergaderingen van het Remuneratiecomité, behalve wanneer er beraadslaagd wordt over zijn eigen remuneratiepakket.

In afwijking van bepaling 5.4/1 van Bijlage E van de Belgische Corporate Governance Code 2009 bestond het Remuneratiecomité niet voor een meerderheid uit onafhankelijke bestuurders tijdens de periode tussen 1 juli 2016 en 13 oktober 2016. Deze afwijking is het gevolg van het feit dat met ingang van 1 juli 2016, na twaalf jaar als bestuurder, The Marble BVBA, vast vertegenwoordigd door dhr. Luc Van Nevel, niet langer voldeed aan de onafhankelijkheidsvoorwaarden zoals uiteengezet in artikel 526ter, 2° van het Wetboek van vennootschappen. Het Remuneratiecomité werd opnieuw samengesteld, rekening houdend met de aanbeveling opgenomen in bepaling 5.4/1 van Bijlage E van de Belgische Corporate Governance Code 2009.

In AY 16/17 kwam het Remuneratiecomité zesmaal samen om onder andere volgende punten te bespreken en hierover voorstellen te doen:

  • het remuneratiebeleid voor de bestuurders, leden van het Leadership Team en andere belangrijke kaderleden;
  • de variabele vergoeding voor de uitvoerende bestuurders, leden van het Leadership Team en andere belangrijke kaderleden.

Het Remuneratiecomité keurde bovendien het remuneratieverslag goed, dat deel uitmaakt van de Corporate Governance Verklaring vervat in het jaarverslag van de Raad van Bestuur, en legde dit voor aan de Raad van Bestuur.

5. Strategisch comité

Het Strategisch Comité heeft de taak de Raad van Bestuur te adviseren met betrekking tot de krachtlijnen van het algemeen beleid, de strategie van de Onderneming en met betrekking tot fusies en overnames.

Het Strategisch Comité bestaat uit:

  • Deprez Invest NV, Voorzitter, vast vertegenwoordigd door dhr. Hein Deprez;
  • Ardiego BVBA(1), onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Arthur Goethals;
  • Dhr. Peter Gain(2) ;
  • Dhr. Peter Maenhout(1) ;
  • Mavac BVBA, vast vertegenwoordigd door mevr. Marleen Vaesen;
  • Argalix BVBA(3), vast vertegenwoordigd door dhr. Francis Kint;
  • Dhr. Jozef Marc Rosiers(4) ;
  • Dhr. Thomas Borman(5) ;
  • Bonem Beheer BVBA(5) , vast vertegenwoordigd door dhr. Marc Ooms;
  • Aalt Dijkhuizen B.V. (6) , onafhankelijke bestuurder, vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen.

(1) Lid tot 16 september 2016.

  • (2) Lid tot 27 september 2016.
  • (3) Lid tot 1 juni 2016.
  • (4) Lid tot 13 mei 2016.
  • (5) Lid met ingang van 13 oktober 2016.

(6) Lid met ingang van 21 februari 2017 ter vervanging van dhr. Aalt Dijkhuizen, die lid was tijdens de periode vanaf 13 oktober 2016 tot zijn vrijwillig ontslag op 21 februari 2017.

Overeenkomstig het Corporate Governance Charter wordt het Strategisch Comité bijeengeroepen door zijn Voorzitter op eigen initiatief of telkens wanneer een lid van het Strategisch Comité daarom verzoekt. Het Strategisch Comité werd niet bijeengeroepen tijdens AY 16/17.

6. Tijdelijk ad hoc comité

De Raad van Bestuur heeft overeenkomstig artikel 522 van het Wetboek van vennootschappen twee tijdelijke ad hoc adviescomités opgericht die tijdens AY 16/17 zijn bijeengekomen.

Een tijdelijk ad hoc adviescomité werd door de Raad van Bestuur van 27 augustus 2015 opgericht om te adviseren met betrekking tot de optimalisatie van de financiële structuur van de Groep. Dit ad hoc comité bestaat uit de Chief Executive Officer, dhr. Peter Gain (tot zijn vrijwillig ontslag als bestuurder met ingang van 27 september 2016), Bonem Beheer BVBA (vast vertegenwoordigd door dhr. Marc Ooms) en Intal BVBA (vast vertegenwoordigd door dhr. Johan Vanovenberghe). Tijdens AY 16/17 hebben drie vergaderingen van het ad hoc comité (op 13, 15 en 26 september 2016) plaatsgevonden om de herfinancieringsalternatieven in de Groep te onderzoeken.

Op 6 maart 2017, heeft de Raad van Bestuur een tijdelijk ad hoc adviescomité opgericht om te adviseren over de potentiële implementatie van een inkoopprogramma van eigen aandelen in de Onderneming op het vlak van prijszetting, volumes en selectie van een financieel tussenpersoon. Dit ad hoc comité bestaat uit Deprez Invest NV (vast vertegenwoordigd door dhr. Hein Deprez) en Gescon BVBA (vast vertegenwoordigd door dhr. Dirk Van Vlaenderen).

De Chief Financial Officer wordt uitgenodigd om deel te nemen aan de vergaderingen van beide ad hoc comités.

7. Aanwezigheidsgraad

AY 16/17 Raad van Bestuur Auditcomité Remuneratiecomité Nominatiecomité (10)
Deprez Invest NV, vv. dhr. Hein Deprez 16/16 1/1
The Marble BVBA, vv. dhr. Luc Van Nevel 5/5(1) 2/2(4) 3/3(6) 1/1
Mevr. Hilde Laga 14/16 3/5
Ardiego BVBA, vv. dhr. Arthur Goethals 5/5(1) 3/3(6) 1/1
Management Deprez BVBA, vv. mevr. Veerle
Deprez
16/16 6/6 1/1
Dhr. Peter Gain 5/5(1)
Dhr. Thomas Borman 15/16 5/5
Bonem Beheer BVBA, vv. dhr. Marc Ooms 16/16 1/1(9) 1/1
Dhr. Charles-Henri Deprez 16/16
Dhr. Peter Maenhout 5/5(1) 1/2(4) 1/3(8) 1/1(8)
Dhr. Jozef Marc Rosiers 0/0(1)
Intal BVBA, vv. dhr. Johan Vanovenberghe 16/16
Mavac BVBA, vv. mevr. Marleen Vaesen 16/16
Argalix BVBA, vv. dhr. Francis Kint 0/1(1)
Gescon BVBA, vv. dhr. Dirk Van Vlaenderen 14/14(2) 4/4(5) 3/3(7)
Aalt Dijkhuizen B.V., vv. dhr. Aalt Dijkhuizen(3) 10/11(2) 3/3(7)
Dhr. Marc Wittemans 10/11(2)

(1) De noemer is gelijk aan het totaal aantal vergaderingen van de Raad van Bestuur die hebben plaatsgevonden tussen 1 april 2016 en de datum van vrijwillig ontslag van de betrokken bestuurder (zie Samenstelling van de Raad van Bestuur).

(2) De noemer is gelijk aan het totaal aantal vergaderingen van de Raad van Bestuur die hebben plaatsgevonden tussen de datum van coöptatie of benoeming van de betrokken bestuurder en 31 maart 2017 (zie Samenstelling van de Raad van Bestuur).

(3) Aalt Dijkhuizen B.V., vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen, werd door de Raad van Bestuur van 21 februari 2017 gecoöpteerd als onafhankelijke bestuurder, ter vervanging van dhr. Aalt Dijkhuizen, die vrijwillig ontslag heeft genomen als onafhankelijke bestuurder met ingang van voormelde datum. Op 16 september 2016 werd dhr. Aalt Dijkhuizen door de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders als onafhankelijke bestuurder benoemd.

(4) Twee vergaderingen van het Auditcomité vonden plaats in de periode tussen 1 april 2016 en 16 september 2016 (zijnde de datum waarop de bestuurders zoals aangeduid in de tabel hierboven vrijwillig ontslag hebben genomen als leden van het Auditcomité).

(5) Vier vergaderingen van het Auditcomité vonden plaats in de periode tussen 5 juli 2016 (zijnde de datum waarop Gescon BVBA (vast vertegenwoordigd door dhr. Dirk Van Vlaenderen) werd benoemd als lid en Voorzitter van het Auditcomité) en 31 maart 2017.

(6) Drie vergaderingen van het Remuneratiecomité vonden plaats in de periode tussen 1 april 2016 en 16 september 2016 (zijnde de datum waarop de bestuurders zoals aangeduid in de tabel hierboven vrijwillig ontslag hebben genomen als leden van het Remuneratiecomité).

(7) Drie vergaderingen van het Remuneratiecomité vonden plaats in de periode tussen 13 oktober 2016 (zijnde de datum waarop de bestuurders zoals aangeduid in de tabel hierboven werden benoemd als lid (en in voorkomend geval, Voorzitter) van het Remuneratiecomité) en 31 maart 2017. (8) Tot zijn ontslag als bestuurder met ingang van 16 september 2016, werd dhr. Peter Maenhout uitgenodigd om aan de vergaderingen van het

Remuneratiecomité en het Benoemingscomité deel te nemen met raadgevende stem. (9) Dhr. Marc Ooms (als vaste vertegenwoordiger van Bonem Beheer BVBA) werd uitgenodigd om aan één vergadering van het Remuneratiecomité deel te nemen met raadgevende stem.

(10) Het Benoemingscomité is eenmaal samengekomen tijdens AY 16/17.

8. Leadership team

De Raad van Bestuur heeft het Leadership Team gemachtigd om handelingen te stellen behorende tot het dagelijkse bestuur van de Onderneming, rekening houdend met de waarden, strategieën, beleidslijnen, plannen en budgetten die door de Raad van Bestuur zijn vastgesteld. Het Leadership Team is geen directiecomité in de zin van artikel 524bis van het Wetboek van vennootschappen.

Het Leadership Team is per 31 maart 2017 samengesteld uit:

  • Mavac BVBA, Chief Executive Officer, vast vertegenwoordigd door mevr. Marleen Vaesen;
  • PDN BVBA(1), Chief Financial Officer, vast vertegenwoordigd door dhr. Karl Peeters;
  • Qualexco BVBA, Head of Legal, vast vertegenwoordigd door dhr. Alexander Verbist;
  • HCTL Consulting BVBA(2), Corporate HR Director, vast vertegenwoordigd door mevr. Christine Buytaert;
  • Haluvan BVBA, Managing Director van Frozen divisie, vast vertegenwoordigd door dhr. Hans Luts;
  • Dhr. Dominiek Stinckens, Managing Director van Prepared divisie;
  • T-I BVBA, Managing Director van Horticulture segment en Managing Director van Fresh Growth Markets, vast vertegenwoordigd door dhr. Stefaan Vandaele;

  • Mevr. Irénke Meekma, Managing Director van Fresh Bakker;

  • Dhr. Lars Wagener(3), Managing Director van Fresh Region German Market.

(1) Lid met ingang van 1 oktober 2016. (2) Lid met ingang van 1 juni 2016. (3) Lid met ingang van 1 augustus 2016.

Dhr. Koen Sticker (als vaste vertegenwoordiger van Koen Sticker BVBA) heeft vrijwillig ontslag genomen als Chief Financial Officer en als lid van het Leadership Team met ingang van 1 augustus 2016. Hij (als vaste vertegenwoordiger van Koen Sticker BVBA) werd met ingang van 1 oktober 2016 vervangen als Chief Financial Officer en lid van het Leadership Team door dhr. Karl Peeters (als vaste vertegenwoordiger van PDN BVBA). Tijdens deze overgangsperiode heeft de Chief Executive Officer de verantwoordelijkheden van de Chief Financial Officer tijdelijk waargenomen.

In afwijking van bepaling 6.2 van de Belgische Corporate Governance Code 2009, omvat het Leadership Team niet alle uitvoerende bestuurders. Deprez Invest NV, Uitvoerend Voorzitter van de Raad van Bestuur, vast vertegenwoordigd door dhr. Hein Deprez, en dhr. Charles-Henri Deprez, uitvoerend bestuurder van de Onderneming, zijn geen lid van het Leadership Team. De Uitvoerend Voorzitter neemt niet deel aan de vergaderingen. Evenwel rapporteert de Chief Executive Officer aan hem tijdens een wekelijkse briefing over het dagelijkse bestuur van de Onderneming en de onderwerpen die in het Leadership Team werden besproken. Dhr. Charles-Henri Deprez, Finance Manager van Bakker Barendrecht B.V., is geen lid van het Leadership Team aangezien Bakker Barendrecht B.V., een dochteronderneming van de Onderneming, reeds vertegenwoordigd is in het Leadership Team door haar Managing Director, mevr. Irénke Meekma.

Het Leadership Team wordt bijgestaan door een team van sleutelfiguren die actief zijn in de verschillende bedrijfseenheden van de Groep.

9. Commissaris

De controle van de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekeningen van de Onderneming wordt toevertrouwd aan Deloitte Bedrijfsrevisoren BV o.v.v.e. CVBA, met maatschappelijke zetel gelegen te Luchthaven Nationaal 1 J, 1930 Zaventem. Deloitte Bedrijfsrevisoren BV o.v.v.e. CVBA is benoemd als commissaris van de Onderneming voor een periode van drie jaar die onmiddellijk eindigt na de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders te houden in 2018 met betrekking tot het boekjaar eindigend op 31 maart 2018. Voor de uitoefening van haar taken wordt Deloitte Bedrijfsrevisoren BV o.v.v.e. CVBA vertegenwoordigd door mevr. Charlotte Vanrobaeys en dhr. Mario Dekeyser als vaste vertegenwoordigers, beide kantoor houdend te Raymonde de Larochelaan 19A, 9051 Sint-Denijs-Westrem.

10. Transacties met verbonden partijen

Krachtens de Belgische Corporate Governance Code 2009 heeft de Raad van Bestuur een beleid uitgewerkt met betrekking tot transacties met verbonden partijen die niet onder de belangenconflictenregeling vallen. Zo dienen alle bestuurders, leden van het Leadership Team en hun respectievelijke vaste vertegenwoordigers alle voorgenomen transacties tussen hen en Greenyard of één van haar dochterondernemingen voorafgaandelijk aan de Raad van Bestuur en de commissaris te melden. Enkel de Raad van Bestuur kan beslissen over het aangaan door Greenyard of de betrokken dochteronderneming van dergelijke transacties. De Raad van Bestuur motiveert zijn beslissing in zijn notulen en ziet er in het bijzonder op toe dat de transactie gebeurt tegen marktvoorwaarden. Uitzonderlijk is deze voorafgaande goedkeuring van de Raad van Bestuur niet vereist indien de betrokken transactie voor de Onderneming of voor haar dochteronderneming past binnen hun gebruikelijke bedrijfsactiviteiten en wordt uitgevoerd onder voorwaarden die overeenstemmen met de algemene marktpraktijk voor vergelijkbare transacties.

10.1.Toepassing van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen

De procedure voorzien in artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen zal worden toegepast indien een bestuurder of de vaste vertegenwoordiger van een bestuurder-rechtspersoon een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met een transactie of beslissing die tot de bevoegdheid behoort van de Raad van Bestuur. Dergelijke procedure werd in AY 16/17 zesmaal toegepast (op 1 juni, 5 juli, 27 november, 7 december en 15 december 2016, en op 27 maart 2017).

10.1.1. Consultancydiensten geleverd door Intal BVBA aan de Onderneming

Op 1 juni 2016 heeft de Raad van Bestuur beslist over de consultancydiensten geleverd door Intal BVBA, vast vertegenwoordigd door dhr. Johan Vanovenberghe, aan de Onderneming vanaf de totstandkoming van de bedrijfscombinatie (i.e. op 19 juni 2015). Dhr. Johan Vanovenberghe (als vaste vertegenwoordiger van Intal BVBA) verklaarde bij aanvang van de vergadering van de Raad van Bestuur een tegenstrijdig belang van vermogensrechtelijke aard te hebben in de zin van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen met betrekking tot dit agendapunt.

Dit belangenconflict werd als volgt opgenomen in de notulen van de vergadering van de Raad van Bestuur van 1 juni 2016 (vrije Nederlandse vertaling): "Intal BVBA, in haar hoedanigheid van bestuurder-rechtspersoon van de Onderneming, en dhr. Johan Vanovenberghe, in zijn hoedanigheid van vaste vertegenwoordiger van een bestuurder-rechtspersoon van de Onderneming, verklaren een tegenstrijdig vermogensrechtelijk belang in de zin van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen te hebben met betrekking tot het agendapunt aangaande de maandelijkse vergoeding die Intal BVBA, vertegenwoordigd door dhr. Johan Vanovenberghe, factureert voor de consultancydiensten geleverd aan de Onderneming en dit vanaf de bedrijfscombinatie tussen de Greenyard Foods Groep, FieldLink groep en Peatinvest groep.

Vervolgens verklaart dhr. Johan Vanovenberghe, als vaste vertegenwoordiger van Intal BVBA, niet aan de beraadslaging en stemming over dit agendapunt te zullen deelnemen. Dhr. Johan Vanovenberghe zal de commissaris van de Onderneming onmiddellijk na de Bestuursvergadering informeren over de toepassing van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen."

De Raad van Bestuur van 1 juni 2016 heeft met betrekking tot dit agendapunt de volgende beslissing genomen: "De Raad van Bestuur gaat akkoord en bekrachtigt de maandelijkse vergoeding ten bedrage van €15.300 (exclusief BTW) die Intal BVBA, vertegenwoordigd door dhr. Johan Vanovenberghe, aan de Onderneming factureert voor de consultancydiensten geleverd aan de Onderneming en dit vanaf de bedrijfscombinatie tussen de Greenyard Foods Groep, FieldLink groep en Peatinvest groep. De financiële impact voor de Onderneming is gelijk aan de vaste maandelijkse vergoeding van €15.300 (exclusief BTW) die als marktconform wordt beschouwd."

10.1.2. Vergoeding van de Chief Executive Officer

Bij aanvang van de vergadering van de Raad van Bestuur van 5 juli 2016 heeft de Voorzitter van de Raad van Bestuur, Deprez Invest NV (vast vertegenwoordigd door dhr. Hein Deprez) in zijn hoedanigheid van bijzondere gevolmachtigde van Mavac BVBA (vast vertegenwoordigd door mevr. Marleen Vaesen) het volgende verklaard met betrekking tot het agendapunt inzake de vergoeding van de Chief Executive Officer (zoals opgenomen in de notulen van de vergadering van de Raad van Bestuur van 5 juli 2016) (vrije Nederlandse vertaling):

"De Voorzitter verklaart in zijn hoedanigheid van bijzondere gevolmachtigde van Mavac BVBA (CEO), vertegenwoordigd door mevr. Marleen Vaesen, die voor deze Bestuursvergadering volmacht heeft gegeven, niet aan de beraadslaging en stemming met betrekking tot agendapunt 5 inzake de vergoeding van de CEO deel te nemen, aangezien Mavac BVBA, in haar hoedanigheid van bestuurder-rechtspersoon van de Onderneming, en haar vaste vertegenwoordiger, mevr. Marleen Vaesen, een tegenstrijdig vermogensrechtelijk belang in de zin van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen hebben met betrekking tot dit agendapunt.

De Voorzitter zal de commissaris van de Onderneming onmiddellijk na de Bestuursvergadering hiervan op de hoogte brengen."

De Raad van Bestuur werd ervan in kennis gesteld dat de evaluatie die door het Remuneratiecomité werd uitgevoerd met betrekking tot het werk dat door de Chief Executive Officer tijdens AY 15/16 werd verricht, heeft aangetoond dat zij uitstekend werk heeft geleverd in het kader van de totstandkoming van de bedrijfscombinatie en de verdere alignering in de nieuwe Groep.

Gezien deze positieve evaluatie heeft de Raad van Bestuur van 5 juli 2016 beslist om "op advies van het Remuneratiecomité, op eigen initiatief en als blijk van waardering, de huidige jaarlijkse vaste (bruto)vergoeding van de CEO te verhogen met 10%, met ingang van 1 april 2016 (AY16/17)".

10.1.3. Huur van magazijn door Greenyard Logistics Poland Sp. Z o.o.

De Raad van Bestuur van 27 november 2016 heeft beslist over de beëindiging van de oorspronkelijke huurovereenkomst tussen De Weide Blik RE Poland Sp. Z o.o. (De Weide Blik RE Poland) en Greenyard Logistics Poland Sp. Z o.o. (Greenyard Logistics Poland) (voorheen Univeg Logistics Poland Sp. Z o.o.) en het aangaan van een nieuwe huurovereenkomst. De Raad van Bestuur heeft eveneens beslist over de moedergarantie (parent company guarantee) die overeenkomstig de nieuwe huurovereenkomst door Greenyard dient te worden gegeven tot waarborg van de verplichtingen van haar dochteronderneming Greenyard Logistics Poland onder de huurovereenkomst.

Voorafgaand aan de beraadslagingen, hebben, overeenkomstig artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen, dhr. Hein Deprez (als vaste vertegenwoordiger van Deprez Invest NV), mevr. Veerle Deprez (als vaste vertegenwoordiger van Management Deprez BVBA), dhr. Marc Ooms (als vaste vertegenwoordiger van Bonem Beheer BVBA) en dhr. Johan Vanovenberghe (als vaste vertegenwoordiger van Intal BVBA), elk voor zichzelf, aan de overige bestuurders verklaard (zoals opgenomen in de notulen van de vergadering van de Raad van Bestuur van 27 november 2016) (vrije Nederlandse vertaling) "dat hij/zij geacht dienen te worden een tegenstrijdig belang te hebben met de beslissingen die door de Raad van Bestuur dienen te worden genomen met betrekking tot de agendapunten. Elk van de voormelde bestuurders heeft de Raad van Bestuur meegedeeld dat het tegenstrijdig belang het gevolg is van het feit dat hij/zij eveneens een onrechtstreekse aandeelhouder zijn van De Weide Blik RE Poland, de tegenpartij van Univeg Logistics Poland, een dochteronderneming van de Onderneming, in de voorgestelde huurovereenkomst en garantie.

Voormelde bestuurders hebben de andere bestuurders geïnformeerd dat zij de commissaris op de hoogte zouden brengen van dit belangenconflict in de zin van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen.

Dhr. Hein Deprez, mevr. Veerle Deprez, dhr. Marc Ooms en dhr. Johan Vanovenberghe verlieten daarop de vergadering en namen niet deel aan de beraadslaging of stemming."

De nieuwe huurovereenkomst en de garantie zijn gezamenlijk de transactie die het voorwerp uitmaakt van de vergadering van de Raad van Bestuur van 27 november 2016, waarop de procedure van artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen van toepassing is. Voor meer informatie over de goedkeuring en rechtvaardiging van deze transactie door de Raad van Bestuur, en de beschrijving van de vermogensrechtelijke gevolgen ervan, wordt verwezen naar hoofdstuk Toepassing van artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen.

10.1.4. Herfinanciering van de financiële instrumenten op Groepsniveau

Op 7 december 2016 heeft de Raad van Bestuur beslist over de herfinanciering van de financiële instrumenten op Groepsniveau door uitgifte van een converteerbare obligatielening converteerbaar in nieuw uitgegeven aandelen van de Onderneming, in combinatie met gesyndiceerde bankfinanciering. Bij aanvang van de vergadering van de Raad van Bestuur verklaarden dhr. Hein Deprez (als vaste vertegenwoordiger van Deprez Invest NV) en mevr. Veerle Deprez (als vaste vertegenwoordiger van Management Deprez BVBA), elk voor zichzelf, een potentieel tegenstrijdig belang te hebben met de beslissingen die in dit verband dienen te worden genomen.

Dit potentieel tegenstrijdig belang werd als volgt opgenomen in de notulen van de vergadering van de Raad van Bestuur van 7 december 2016: "Voor de vergadering van start ging, verklaarden dhr. Hein Deprez, als vaste vertegenwoordiger van Deprez Invest NV, en mevrouw Veerle Deprez, als vaste vertegenwoordiger van Management Deprez BVBA, elk voor zichzelf, aan de andere bestuurders dat zij mogelijks een belang hebben dat tegenstrijdig is met de beslissingen die de Raad van Bestuur moet nemen in het kader van de agendapunten.

Het potentieel tegenstrijdig belang houdt verband met het voornemen van dhr. Hein Deprez en mevrouw Veerle Deprez om, via een door hen gecontroleerde vennootschap (met name Deprez Holding NV), in te schrijven op Obligaties (zoals verder in deze notulen gedefinieerd), voor zover hen Obligaties zouden worden toegewezen in het kader van de allocatie door de aangestelde banken. De relevante bestuurders zijn van mening dat hun interesse om in te schrijven op de Obligaties een positief element zal zijn voor andere potentiële investeerders in de Obligaties, die de interesse van de bestuurders mogelijks zullen beschouwen als een teken van vertrouwen en engagement van de familie Deprez in deze Groep.

Om deze reden stelden deze bestuurders voor om, voor zover van toepassing, de procedure van art. 523 W.Venn. toe te passen. De relevante bestuurders zullen de commissaris van de Onderneming hiervan op de hoogte brengen overeenkomstig artikel 523 W.Venn."

Dhr. Hein Deprez en mevr. Veerle Deprez namen niet deel aan de beraadslaging en stemming over de agendapunten met betrekking tot de voorgestelde herfinancieringsstructuur en verlieten elk de vergadering. Om enige schijn van een potentieel tegenstrijdig belang te vermijden, nam dhr. Charles-Henri Deprez evenmin deel aan de beraadslaging en stemming over deze agendapunten.

Op 15 december 2016 heeft de Raad van Bestuur die werd gehouden voor notaris Tim Carnewal beslist over de kapitaalverhoging door middel van inbreng in natura in Greenyard in het kader van het toegestaan kapitaal en onder de opschortende voorwaarde van uitgifte van converteerbare obligaties. Deze kapitaalverhoging wordt tot stand gebracht door de inbreng door de houders van converteerbare obligaties van Greenyard Fresh Holding BE NV (Greenyard Fresh Holding BE) (voorheen FieldLink NV), een dochteronderneming van de Onderneming, van hun schuldvordering ten aanzien van Greenyard Fresh Holding BE in Greenyard (op voorwaarde van de uitoefening van hun conversierecht). Bij aanvang van deze Bestuursvergadering, werd hetzelfde potentieel belangenconflict door dhr. Hein Deprez (als vaste vertegenwoordiger van Deprez Invest NV), mevr. Veerle Deprez (als vaste vertegenwoordiger van Management Deprez BVBA), dhr. Thomas Borman, dhr. Marc Ooms (als vaste vertegenwoordiger van Bonem Beheer BVBA) en dhr. Johan Vanovenberghe (als vaste vertegenwoordiger van Intal BVBA), elk voor zichzelf, opgeworpen. Het potentieel tegenstrijdig belang van deze bestuurders houdt verband met hun voornemen om desgevallend via een door hen gecontroleerde vennootschap, in te schrijven op converteerbare obligaties.

Deze bestuurders namen niet deel aan de beraadslaging en stemming met betrekking tot de agendapunten die hierop betrekking hebben en verlieten elk de vergadering. Dhr. Charles-Henri Deprez nam, om enige schijn van een tegenstrijdig belang te vermijden, evenmin deel aan de beraadslaging en stemming over deze agendapunten.

De rechtvaardigingsgronden en de vermogensrechtelijke gevolgen van de beslissingen met betrekking tot de herfinanciering op Groepsniveau en, in het bijzonder, de kapitaalverhoging door middel van inbreng in natura in Greenyard, werden als volgt opgenomen in de notulen van de vergaderingen van de Raad van Bestuur van 7 december en 15 december 2016: "Het is de bedoeling dat bepaalde externe kredieten en schuldinstrumenten, die werden aangegaan voor deze combinatie [i.e. de bedrijfscombinatie], worden samengevoegd in één of meerdere nieuwe kredietinstrumenten. Dit leidt tot gemiddeld gunstiger en meer flexibele kredietvoorwaarden en een gemiddeld latere vervaltermijn.

[…]

Daarnaast wordt voorgesteld dat FieldLink NV (de Emittent of FieldLink), een rechtstreekse dochteronderneming van de Onderneming, niet-gesubordineerde, senior en niet door zekerheden gedekte obligaties uitgeeft, gegarandeerd door de Onderneming en converteerbaar in aandelen van de Onderneming, met vervaldatum in december 2021 (de Obligaties), voor een totaal maximaal bedrag in hoofdsom van EUR 110 miljoen, met een verhogingsoptie van maximaal EUR 15 miljoen, met name een totaal van maximaal EUR 125 miljoen (de Uitgifte).

[...]

De opbrengst van de Obligaties en de nieuwe bankfinanciering zal kunnen worden aangewend voor de terugbetaling van: (i) de EUR 158,5 miljoen termijn- en wentelkredietovereenkomst (Term and Revolving Facilities Agreement) dd. 16 december 2013, met de Onderneming als ontlener, zoals gewijzigd en geherformuleerd op 30 juni 2015 en 30 maart 2016; (ii) de EUR 90 miljoen kredietovereenkomst (Senior Facility Agreement) dd. 14 november 2013 met FieldLink NV als Parent en Univeg Holding B.V. en Univeg Belgium NV als ontleners (Original Borrowers); (iii) de EUR 285 miljoen 7,875% niet-gesubordineerde en door zekerheden gedekte obligaties (Senior Secured Notes) uitgegeven door Univeg Holding B.V., met vervaldatum in 2020 (de High Yield Obligaties); en (iv) bepaalde bilaterale kredieten van Peatinvest NV en haar dochterondernemingen ((i) t.e.m. (iv) de Bestaande Financieringen).

[...]

De Obligaties zullen worden uitgegeven in denominaties van EUR 100.000, aan 100% van hun hoofdsom. Er wordt voorzien dat de Obligaties een coupon zullen hebben tussen 3,5% en 4% per jaar, betaalbaar op tweejaarlijkse basis. Er wordt daarnaast voorzien dat de conversieprijs van de Obligaties een premie zal weerspiegelen van 22,5% tot 27,5% boven de volume gewogen gemiddelde prijs ("VWAP") van de aandelen van de Onderneming op Euronext Brussels tussen opening en sluiting van de gereglementeerde markt op de launch dag.

[...]

Ingevolge de Bankfinanciering zullen overeenkomstig de Kredietovereenkomst (zoals gedefinieerd in Bijlage 1) twee kredietfaciliteiten beschikbaar worden gesteld (de Faciliteiten):

  • (a) Een EUR 150 miljoen termijnlening (term loan facility) met een looptijd van vijf jaar, met FieldLink en/of de Onderneming en/of een andere dochteronderneming van de Onderneming als kredietnemers (borrowers); en
  • (b) Een EUR 225 miljoen wentelkredietfaciliteit (revolving facility) met een looptijd van vijf jaar, beschikbaar in verschilende munteenheden, en met FieldLink en/of de Onderneming en/of een andere dochteronderneming van de Onderneming als kredietnemers (borrowers)."

Daarnaast werd door de Raad van Bestuur van 7 december 2016 verder overwogen dat "de Herfinanciering de Groep zou toelaten om haar bestaande externe financieringen aan voordelige voorwaarden te herfinancieren, gelet op huidige marktopportuniteiten. De nieuwe kredietinstrumenten beschikbaar [zouden] zijn voor de gehele Groep. De Herfinanciering de Groep [zou] moeten toelaten om een stabiele financieringsstructuur op lange termijn te creëren dewelke de Groep zou moeten toelaten haar middellange termijnplan zoals voorzien in het huidige business plan te implementeren. [...] de Groep haar algemene interestlast verder [kan] drukken, hetgeen ook in het voordeel is van de Onderneming en alle aandeelhouders in het algemeen. [...] de financiële blootstelling van de Onderneming onder de herfinanciering redelijk [is]. De bestuurders stellen om deze redenen vast dat de voordelen die de Onderneming verwacht te verkrijgen uit het partij worden bij de Documenten en het uitvoeren van de Transacties in verhouding staan tot de verplichtingen die de Onderneming op zich zal nemen door partij te worden bij de goed te keuren Documenten en het uitvoeren van de Transacties."

Na beraadslaging en dit in overweging te hebben genomen, heeft de Raad van Bestuur van 7 december 2016 de voorgestelde financieringsstructuur en alle documenten terzake goedgekeurd. Op 15 december 2016 heeft de Raad van Bestuur kennis genomen van de verschillende bijzondere verslagen en heeft de Raad van Bestuur de voorgestelde beslissingen inzake de kapitaalverhoging door middel van inbreng in natura in Greenyard in het kader van het toegestaan kapitaal goedgekeurd.

10.1.5. Vervroegde terugbetaling door Orchards Invest Services B.V. en The Fruit Farm Group B.V. aan Greenyard Fresh Belgium NV

De Raad van Bestuur van 27 maart 2017 heeft beslist over het voorstel tot vervroegde terugbetaling door Orchard Invest Services B.V. en The Fruit Farm Group B.V. aan Greenyard Fresh Belgium NV van een lening die werd toegekend aan Orchards Invest Services B.V. onder een werkkapitaal faciliteitenovereenkomst die werd aangegaan op 19 juli 2012 (zoals verschillende malen gewijzigd) (de Orchards Invest Leningsovereenkomst) respectievelijk The Fruit Farm Group B.V. onder de vendor loan die werd aangegaan op 17 december 2014 (de The Fruit Farm Group Leningsovereenkomst).

Voorafgaand aan de beraadslagingen, hebben, overeenkomstig artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen, dhr. Hein Deprez (als vaste vertegenwoordiger van Deprez Invest NV), mevr. Veerle Deprez (als vaste vertegenwoordiger van Management Deprez BVBA), dhr. Marc Ooms (als vaste vertegenwoordiger van Bonem Beheer BVBA) en dhr. Johan Vanovenberghe (als vaste vertegenwoordiger van Intal BVBA), elk voor zichzelf, het volgende verklaard (zoals opgenomen in de notulen van de vergadering van de Raad van Bestuur van 27 maart 2017) (vrije Nederlandse vertaling): "[…] hij/zij dienen geacht te worden een tegenstrijdig belang te hebben met de beslissingen die door de Raad van Bestuur dienen te worden genomen met betrekking tot de agendapunten. Elk van de voormelde bestuurders heeft de Raad van Bestuur meegedeeld dat het tegenstrijdig belang het gevolg is van het feit dat hij/zij eveneens een onrechtstreekse aandeelhouder zijn van Orchards Invest Services B.V. en The Fruit Farm Group B.V., de ontleners onder de Orchards Invest Leningsovereenkomst en The Fruit Farm Group Leningsovereenkomst, die hun respectievelijke leningen aan Greenyard Fresh Belgium NV, een dochteronderneming van de Onderneming, wensen terug te betalen via vervroegde terugbetalingen.

Voormelde bestuurders hebben de andere bestuurders geïnformeerd dat zij de commissaris op de hoogte zouden brengen van dit belangenconflict in de zin van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen.

Dhr. Hein Deprez, mevr. Veerle Deprez, dhr. Marc Ooms en dhr. Johan Vanovenberghe namen niet deel aan de beraadslaging of stemming."

De procedure zoals opgenomen in artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen is van toepassing op de vervroegde terugbetaling door zowel Orchards Invest Services B.V. als The Fruit Farm Group B.V. Voor meer informatie over de goedkeuring en rechtvaardiging door de Raad van Bestuur van deze vervroegde terugbetalingen, en de beschrijving van de vermogensrechtelijke gevolgen ervan, wordt verwezen naar hoofdstuk Toepassing van artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen.

10.2.Toepassing van artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen

Overeenkomstig artikel 524, §2 en §5 van het Wetboek van vennootschappen dient elke beslissing of elke verrichting tussen (een dochteronderneming van) Greenyard en een onderneming die met Greenyard verbonden is voorafgaandelijk onderworpen te worden aan de beoordeling van een comité van drie onafhankelijke bestuurders. Dit comité zal worden bijgestaan door één of meer onafhankelijke experts, door het comité aangesteld. De expert(s) word(t)(en) door de Onderneming vergoed. De Raad van Bestuur zal, na kennis te hebben genomen van het advies van het comité, overeenkomstig artikel 524, §3 van het Wetboek van vennootschappen, beraadslagen over de voorgenomen beslissing of verrichting. De commissaris verleent een oordeel over de getrouwheid van de gegevens die vermeld staan in het advies van het comité en in de notulen van de Raad van Bestuur.

10.2.1. Huur van magazijn door Greenyard Logistics Poland Sp. Z o.o.

Op 23 september 2014 hebben De Weide Blik RE Poland Sp. Z o.o. (De Weide Blik RE Poland), een verbonden onderneming van Greenyard in de zin van artikel 11 van het Wetboek van vennootschappen, en Greenyard Logistics Poland Sp. Z o.o. (Greenyard Logistics Poland) (voorheen Univeg Logistics Poland Sp. Z o.o.), een dochteronderneming van Greenyard in de zin van artikel 6 van het Wetboek van vennootschappen, een huurovereenkomst gesloten met betrekking tot een onroerend goed in Polen. De Weide Blik RE Poland huurde dit onroerend goed, op haar beurt, van ING Lease (Polska) Sp. Z o.o. (ING), die het onroerend goed in volle eigendom aanhield. De Weide Blik NV heeft de Onderneming op de hoogte gebracht van haar voornemen om haar aandelen in De Weide Blik RE Poland aan een derde investeerder over te dragen en tezelfdertijd haar aankoopoptie op het onroerend goed uit te oefenen en de oorspronkelijke huurovereenkomst met ING als verhuurder te beëindigen. Er werd voorgesteld om deze acties op 28 november 2016 te laten plaatsvinden. Bijgevolg zou, vanaf voormelde datum, De Weide Blik RE Poland de enige volle eigenaar van het onroerend goed zijn en Greenyard Logistics Poland de enige huurder van het onroerend goed. Er werd aan De Weide Blik RE Poland en Greenyard Logistics Poland voorgesteld om eveneens op 28 november 2016 de huurovereenkomst tussen hen te beëindigen en een nieuwe huurovereenkomst aan te gaan (de Nieuwe Huurovereenkomst). In overeenstemming met de Nieuwe Huurovereenkomst werd aan de Onderneming voorgesteld om een moedergarantie (parent company guarantee) te geven tot waarborg van de verplichtingen van haar dochteronderneming Greenyard Logistics Poland onder de Nieuwe Huurovereenkomst (de Garantie). De Nieuwe Huurovereenkomst en de Garantie worden gezamenlijk de Transactie genoemd.

De onafhankelijke bestuurders van de Onderneming (samen, het comité van onafhankelijke bestuurders) werden op 13 oktober 2016 door de Raad van Bestuur verzocht om in toepassing van artikel 524, §2 en §5 van het Wetboek van vennootschappen aan de Raad van Bestuur advies uit te brengen met betrekking tot de Transactie. Het comité van onafhankelijke bestuurders heeft Jones Lang LaSalle Sp. Z o.o. aangesteld als onafhankelijk expert om de bepalingen van de Transactie te beoordelen. Gelet op het verslag van de onafhankelijk expert en de voorafgaande overwegingen van het management van de Onderneming, heeft het comité geoordeeld (vrije Nederlandse vertaling) "dat de Transactie niet van die aard is de Onderneming een nadeel te berokkenen dat in het licht van het huidige beleid dat de Onderneming voert, kennelijk onrechtmatig is. Het Comité is tevens van mening dat het onwaarschijnlijk is dat de Transactie zou leiden tot nadelen voor de Onderneming die niet worden gecompenseerd door de voordelen van de Transactie voor de Onderneming", zoals opgenomen in het verslag van 27 november 2016.

Rekening houdend met het verslag van het comité, met inbegrip van het verslag van de onafhankelijke expert, heeft de Raad van Bestuur over de Transactie beraadslaagd en als volgt beslist (zoals opgenomen in de notulen van de vergadering van de Raad van Bestuur van 27 november 2016) (vrije Nederlandse vertaling):

"de Transactie is gerechtvaardigd, en in het belang van de Onderneming, om volgende redenen:

  • Polen is een interessante markt voor verdere ontwikkeling: […];
  • Het Goed is een performante site: […];
  • Het Goed heeft een belangrijke functie in de goede relatie met leveranciers: […].

De Raad van Bestuur heeft verder geoordeeld dat de bedragen die aan de verhuurder werden betaald niet significant verschillen van de bedragen die werden betaald in het kader van de vorige huurovereenkomst en die, door de Onafhankelijke Expert, worden beschouwd als marktvoorwaarden, inzonderheid in combinatie met de "right of first refusal" ten voordele van Weide Blik re Poland voor enige ontwikkeling op naburig terrein van ongeveer 35.000 m² gedurende 10 jaar. De Raad van Bestuur heeft erop gewezen dat de uiteindelijke ontwikkeling van dit terrein (ongeacht of Univeg Logistics Poland haar "right of first refusal" zou uitoefenen of niet) niet zou leiden tot een vermindering van de huurprijs, maar was van mening dat dit nadeel niet de voordelen compenseert die door de Huurovereenkomst worden verkregen. […]

De Raad van Bestuur heeft verder geoordeeld dat het voor de topholding onderneming van een groep gebruikelijk is om een moedergarantie voor dit type van huurovereenkomst te verstrekken en dat de Garantie minder duur zou zijn voor de Onderneming en haar dochterondernemingen dan een bankgarantie of zekerheid.

De vermogensrechtelijke gevolgen van de Transactie bestaan in de betaling van een jaarlijkse huurprijs van 2.122.695 euro per jaar gedurende een periode van 20 jaar.

Gezien het voorgaande, heeft de Raad van Bestuur de Transactie goedgekeurd […]."

In overeenstemming met artikel 524, §3 van het Wetboek van vennootschappen heeft de commissaris het volgende geoordeeld over de getrouwheid van de gegevens die vermeld staan in het advies van het comité van onafhankelijke bestuurders en in de notulen van de Raad van Bestuur: "Op basis van onze werkzaamheden hebben wij geen kennis gekregen van elementen die ons zouden doen besluiten dat de gegevens vervat in het advies van het comité van onafhankelijke bestuurders of in de notulen van de raad van bestuur niet getrouw zouden zijn.". Het verslag van de commissaris van 21 februari 2017 wordt als bijlage aan de notulen van de Raad van Bestuur gehecht.

10.2.2. Vervroegde terugbetaling door Orchards Invest Services B.V. en The Fruit Farm Group B.V. aan Greenyard Fresh Belgium NV

In 2012 heeft Greenyard Fresh Belgium NV (Greenyard Fresh Belgium) (voorheen Univeg Belgium NV), een dochteronderneming van de Onderneming in de zin van artikel 6 van het Wetboek van vennootschappen, een lening toegekend aan Orchards Invest Services B.V. (de Orchards Invest Lening) onder een werkkapitaal faciliteitenovereenkomst die op 19 juli 2012 werd aangegaan tussen Greenyard Fresh Belgium en Greenyard Fresh Holding BE NV (Greenyard Fresh Holding BE) (voorheen FieldLink NV), enerzijds, en de Orchards Invest groep en De Weide Blik NV, anderzijds, zoals verschillende malen gewijzigd, met vervaldatum op 1 december 2019 (de Orchards Invest Leningsovereenkomst). In 2014 werd door Greenyard Fresh Belgium een lening toegekend aan The Fruit Farm Group B.V. (de The Fruit Farm Group Lening) onder de vendor loan die op 17 december 2014 werd aangegaan tussen Greenyard Fresh Belgium, enerzijds, en dochteronderneming van The Fruit Farm Group B.V., anderzijds, met vervaldatum op 17 januari 2020 (de The Fruit Farm Group Leningsovereenkomst).

Op die ogenblikken in 2012 en 2014, maakten Greenyard Fresh Holding BE en haar dochteronderneming Greenyard Fresh Belgium nog geen deel uit van de Greenyard Groep.

De Orchards Invest groep heeft aan de Onderneming voorgesteld om de Orchards Invest Lening vervroegd terug te betalen, tegen een disconto van 20,9% van het nominaal bedrag van de Orchards Invest Leningsovereenkomst, resulterend in de terugbetaling van een totaal bedrag van € 6.273.447 aan Greenyard Fresh Belgium (de Orchards Invest Vervroegde Terugbetaling). The Fruit Farm Group heeft aan de Onderneming voorgesteld om de The Fruit Farm Group Lening vervroegd terug te betalen, tegen een disconto van 13,5% van het nominale bedrag van The Fruit Farm Group Leningsovereenkomst, resulterend in de terugbetaling van een totaal bedrag van € 9.474.572 aan Greenyard Fresh Belgium (de The Fruit Farm Group Vervroegde Terugbetaling). De Orchards Invest Vervroegde Terugbetaling en The Fruit Farm Group Vervroegde Terugbetaling worden gezamenlijk de Transactie genoemd.

De procedure vervat in artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen werd door de Raad van Bestuur van 21 februari 2017 opgestart met het oog op de goedkeuring van de Transactie. Op 21 februari 2017 heeft de Raad van Bestuur de onafhankelijke bestuurders van de Onderneming (samen, het comité van onafhankelijke bestuurders) verzocht om aan de Raad van Bestuur advies uit te brengen met betrekking tot de Transactie. Het comité van onafhankelijke bestuurders heeft Degroof Petercam Corporate Finance NV/SA aangesteld als onafhankelijk expert.

Gelet op het verslag van de onafhankelijk expert en de voorafgaande overwegingen van het management van de Onderneming, heeft het comité geoordeeld (vrije Nederlandse vertaling) "dat de Transactie niet van die aard is de Onderneming een nadeel te berokkenen dat in het licht van het huidige beleid dat de Onderneming voert, kennelijk onrechtmatig is. Het Comité is tevens van mening dat het onwaarschijnlijk is dat de Transactie zou leiden tot nadelen voor de Onderneming die niet worden gecompenseerd door de voordelen van de Transactie voor de Onderneming", zoals opgenomen in het verslag van 22 maart 2017.

Na beraadslaging en dit in overweging te hebben genomen, heeft de Raad van Bestuur als volgt beslist (zoals opgenomen in de notulen van de vergadering van de Raad van Bestuur van 27 maart 2017) (vrije Nederlandse vertaling):

"[...] de Raad van Bestuur heeft geoordeeld dat de Transactie gerechtvaardigd is, en in het belang van de Onderneming […].

De Raad van Bestuur heeft verder geoordeeld dat de disconto's die in de Transacties werden toegekend op een niveau werden vastgesteld dat lager is dan de disconto's die door de Onafhankelijk Expert als marktconform worden beschouwd.

De vermogensrechtelijke gevolgen van de Transactie bestaan in de ontvangst door Greenyard van een bedrag van EUR 15.748.019, dat het resultaat is van de toekenning van een disconto van in totaal EUR 2.944.815.

Gezien het voorgaande, keurt de Raad van Bestuur de Transactie goed […]."

In overeenstemming met artikel 524, §3 van het Wetboek van vennootschappen heeft de commissaris geoordeeld over de getrouwheid van de gegevens die vermeld staan in het advies van het comité van onafhankelijke bestuurders en in de notulen van de Raad van Bestuur: "Op basis van onze werkzaamheden hebben wij geen kennis gekregen van elementen die ons zouden doen besluiten dat de gegevens vervat in het advies van het comité van onafhankelijke bestuurders of in de notulen van de raad van bestuur niet getrouw zouden zijn.". Het verslag van de commissaris van 30 mei 2017 wordt als bijlage aan de notulen van de Raad van Bestuur gehecht.

Meer informatie omtrent transacties met verbonden partijen vindt u in toelichting 7.4. Verbonden partijen.

10.3.Maatregelen ter voorkoming van marktmisbruik

Overeenkomstig bepaling 3.7 en de richtlijnen vervat in Bijlage B van de Belgische Corporate Governance Code 2009, heeft de Onderneming een verhandelingsreglement (dealing code) aangenomen dat tot doel heeft ervoor te zorgen dat personen die op een gegeven moment over voorwetenschap (i.e. informatie met betrekking tot de Groep of effecten van Greenyard die concreet is, die niet openbaar is gemaakt en die, indien zij openbaar zou worden gemaakt, een significante invloed zou kunnen hebben op de koers van deze effecten) beschikken, geen misbruik maken van, en zich niet verdacht maken van het misbruik van, dergelijke voorwetenschap en ervoor te zorgen dat deze personen dergelijke voorwetenschap vertrouwelijk houden en zich onthouden van marktmanipulatie. Het verhandelingsreglement werd herzien naar aanleiding van Verordening (EU) Nr. 596/2014 van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik. De aangepaste versie van het verhandelingsreglement die met ingang van 3 juli 2016 van toepassing is, werd voor het laatst herzien en gewijzigd door de Raad van Bestuur van 21 februari 2017.

Het verhandelingsreglement kan worden geraadpleegd op de website (www.greenyard.group).

11. Remuneratieverslag

11.1.Beschrijving van de tijdens AY 16/17 gehanteerde procedures om een remuneratiebeleid te ontwikkelen voor en de remuneratie vast te stellen van de bestuurders en leden van het Leadership Team

Het remuneratiebeleid, met inbegrip van de presentiegelden, voor niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald door de Raad van Bestuur op voorstel van het Remuneratiecomité, daarbij rekening houdend met de marktstandaarden, het beursgenoteerd karakter en de omvang van de Onderneming, de sector waarin de Groep actief is en hun rol en daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheden. Het remuneratiebeleid wordt vervolgens ter goedkeuring voorgelegd aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.

De Raad van Bestuur ontwikkelt het remuneratiebeleid voor de leden van het Leadership Team om hooggekwalificeerd en veelbelovend managementtalent aan te trekken, te motiveren en te behouden en de belangen van managers en alle 'stakeholders' van de Onderneming op één lijn te brengen. Het remuneratiebeleid wordt bepaald overeenkomstig benchmarkstudies uitgevoerd door onafhankelijke externe adviesbureaus. Het Remuneratiecomité evalueert jaarlijks de hoogte en de componenten van de vergoeding en doet aanbevelingen aan de Raad van Bestuur met betrekking tot het remuneratiebeleid en de remuneratie van de leden van het Leadership Team.

De Raad van Bestuur overweegt de implementatie van een nieuw lange termijn incentive plan op executive niveau, hetgeen zal resulteren in een gewijzigd remuneratiebeleid voor de leden van het Leadership Team op het vlak van hun variabele remuneratie. Er zijn geen andere plannen om het huidige remuneratiebeleid voor de niet-uitvoerende bestuurders en de leden van het Leadership Team substantieel te wijzigen in de komende twee boekjaren AY 17/18 en AY 18/19.

11.1.1. Verklaring betreffende het tijdens AY 16/17 toegepast remuneratiebeleid voor de bestuurders en leden van het Leadership Team

Remuneratiebeleid voor de niet-uitvoerende bestuurders

De vergoeding van de niet-uitvoerende bestuurders bestaat uit een jaarlijkse vaste vergoeding van € 25.000 plus een bijkomend presentiegeld van € 1.500 per vergadering van de Raad van Bestuur of van een adviserend Comité binnen de Raad van Bestuur, die de betrokken bestuurder heeft bijgewoond (met inbegrip van de aanwezigheid via video- of telefoonconferentie). Er worden geen presentiegelden uitgekeerd aan de bestuurders in het geval geen fysieke vergadering wordt georganiseerd, maar deze voor alle leden via telefoonconferentie wordt gehouden. Op het einde van de eerste zes maanden van het boekjaar wordt een voorschot op de jaarlijkse vergoeding aan de bestuurders betaald. Alle vergoedingen worden betaald op een pro-rata basis overeenkomstig de duur van het mandaat van de bestuurder.

Deze vergoeding dekt alle kosten. Gelet op de bevindingen van een benchmarkstudie uitgevoerd bij gelijkaardige ondernemingen, heeft de Raad van Bestuur beslist om aan de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders te houden in 2017 voor te stellen om het remuneratiebeleid voor de niet-uitvoerende bestuurders met ingang van 1 april 2016 zodanig te wijzigen dat de jaarlijkse vaste vergoeding en presentiegelden alle kosten dekken, met uitzondering van de internationale reiskosten die de bestuurders gedomicilieerd buiten België maken in de uitoefening van hun mandaat.

Niet-uitvoerende bestuurders hebben geen recht op een prestatiegebonden vergoeding. Er zijn geen pensioenplannen voor nietuitvoerende bestuurders en zij ontvangen geen voordelen in natura.

Intal BVBA, vast vertegenwoordigd door dhr. Johan Vanovenberghe, ontvangt een vergoeding voor de consultancydiensten geleverd aan de Onderneming en ontvangt geen enkele bijkomende vergoeding in zijn hoedanigheid van bestuurder. De door Intal BVBA maandelijks gefactureerde vergoeding voor de consultancydiensten geleverd tijdens AY 16/17 bedraagt € 15.300 (exclusief BTW).

Remuneratiebeleid voor de uitvoerende bestuurders

De uitvoerende bestuurders, die een uitvoerende functie bekleden in de onderneming of in één van haar dochterondernemingen, krijgen geen bijkomende vergoeding voor hun mandaat als bestuurder.

De Chief Executive Officer ontvangt een managementvergoeding. Dhr. Charles-Henri Deprez ontvangt een maandelijkse vergoeding voor de diensten geleverd als Finance Manager van Bakker Barendrecht B.V. en voor de bijstand verleend aan de Onderneming in projecten op corporate niveau. De Uitvoerend Voorzitter van de Raad van Bestuur ontvangt een jaarlijkse vaste vergoeding die op kwartaalbasis wordt betaald.

Remuneratiebeleid voor de leden van het Leadership Team

De vergoeding van de Chief Executive Officer en de andere leden van het Leadership Team wordt bepaald door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Remuneratiecomité. Het Remuneratiecomité evalueert jaarlijks het remuneratiebeleid ontwikkeld voor de leden van het Leadership Team.

Hun vergoeding bestaat uit een vaste vergoeding en een variabele vergoeding in de vorm van een jaarlijkse bonus (korte termijn incentives) en in bepaalde gevallen lange termijn incentives.

De variabele vergoeding heeft steeds betrekking op de prestaties van het afgelopen boekjaar. Bij het behalen van de gestelde doelstellingen bedraagt de variabele vergoeding afhankelijk van de functie van elk lid binnen het Leadership Team tussen 20% en 50% van de jaarlijkse vaste vergoeding.

De variabele vergoeding in de vorm van een jaarlijkse bonus is gebaseerd op zowel kwantitatieve als kwalitatieve parameters.

Het door de Raad van Bestuur goedgekeurde lange termijn incentive plan is gebaseerd op de cumulatieve financiële resultaten van de Groep over een periode van drie boekjaren. Het plan bedraagt tussen 10% en 20%, afhankelijk van de functie van elk lid opgenomen in het plan.

Er zijn geen prestatiepremies in de vorm van aandelen, aandelenopties of andere rechten om aandelen te verwerven, toegekend aan de leden van het Leadership Team (en de uitvoerende bestuurders die geen lid zijn van het Leadership Team). De door hen aangehouden aandelen van de Onderneming zijn aangekocht op de effectenbeurs of via participatie in de thans ontbonden Stichting Administratiekantoor FieldLink.

11.1.2. Remuneratie van de bestuurders en leden van het Leadership Team met betrekking tot AY 16/17

Totale jaarlijkse vergoeding van de bestuurders

De totale jaarlijkse vergoeding die aan de bestuurders is betaald voor de uitoefening van hun mandaat tijdens AY 16/17 bedraagt € 316.383.

De tabel hieronder omvat de individuele vergoeding betaald aan elke bestuurder voor AY 16/17. Deze bedragen werden berekend op basis van zestien vergaderingen van de Raad van Bestuur (waarvan tien vergaderingen via telefoonconferentie werden gehouden). In AY 16/17 kwam het Auditcomité vijfmaal samen, het Remuneratiecomité zesmaal en het Benoemingscomité eenmaal. Het Strategisch comité is niet samengekomen.

Bestuurdersvergoeding Vaste vergoeding
€'000
Presentiegelden
€'000
Totaal
€'000
Deprez Invest NV, vv. dhr. Hein Deprez - - -
The Marble BVBA, vv. dhr. Luc Van Nevel (1) 11,5 10,5 22,0
Mevr. Hilde Laga 25,0 10,5 35,5
Ardiego BVBA, vv. dhr. Arthur Goethals (1) 11,5 6,0 17,5
Management Deprez BVBA, vv. mevr. Veerle Deprez 25,0 18,0 43,0
Dhr. Peter Gain (2) 12,5 3,0 15,5
Dhr. Thomas Borman 25,0 16,5
Bonem Beheer BVBA, vv. dhr. Marc Ooms 25,0 10,5 35,5
Dhr. Charles-Henri Deprez (3) - - -
Dhr. Peter Maenhout (1) 11,5 4,5 16,0
Dhr. Jozef Marc Rosiers (4) 3,1 - 3,1
Intal BVBA, vv. dhr. Johan Vanovenberghe - - -
Mavac BVBA, vv. mevr. Marleen Vaesen - - -
Argalix BVBA, vv. dhr. Francis Kint (5) 4,2 - 4,2
Gescon BVBA, vv. dhr. Dirk Van Vlaenderen (6) 18,8 18,0 36,8
Aalt Dijkhuizen B.V., vv. dhr. Aalt Dijkhuizen (7) en (8) 13,5 7,5
Dhr. Marc Wittemans (4) en (7) 13,5 4,5 18,0
TOTAAL 200,1 109,5 316,3

(1) Bestuurder tot 16 september 2016. (2) Bestuurder tot 27 september 2016.

(3) Dhr. Charles-Henri Deprez ontvangt een maandelijkse vergoeding voor de diensten geleverd als Finance Manager van Bakker Barendrecht B.V. en de bijstand verleend aan de Onderneming in projecten op corporate niveau op basis van een overeenkomst die van kracht werd op 1 september 2015. De door dhr. Charles-Henri Deprez gefactureerde maandelijkse vergoeding van € 12.500 (exclusief BTW) bestaat uit een vast gedeelte (80%) en een variabel gedeelte (20%).

(4) De vergoeding van dhr. Jozef Marc Rosiers (tot zijn vrijwillig ontslag met ingang van 13 mei 2016) en dhr. Marc Wittemans wordt betaald aan de vennootschap Agri Investment Fund CVBA.

(5) Bestuurder tot 1 juni 2016.

(6) Bestuurder met ingang van 5 juli 2016.

(7) Bestuurder met ingang van 16 september 2016. Lid van één of meer adviserende Comités met ingang van 13 oktober 2016.

(8) Dhr. Aalt Dijkhuizen was bestuurder tot 21 februari 2017. Aalt Dijkhuizen B.V. (vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen) werd als bestuurder gecoöpteerd ter vervanging van dhr. Aalt Dijkhuizen, met ingang van deze datum.

(9) Het totale bedrag van de vergoeding van Aalt Dijkhuizen B.V. (vast vertegenwoordigd door dhr. Aalt Dijkhuizen), met maatschappelijke zetel gelegen in Nederland, omvat de internationale reiskosten ten bedrage van € 1.055 die werden gemaakt tijdens AY 16/17 in de uitoefening van zijn mandaat.

(10) Het totale bedrag van de vergoeding van dhr. Thomas Borman, gedomicilieerd in Zuid-Afrika, omvat de internationale reiskosten ten bedrage van € 5.728 die werden gemaakt tijdens AY 16/17 in de uitoefening van zijn mandaat.

Jaarlijkse vergoeding van de Uitvoerend Voorzitter van de Raad van Bestuur

De jaarlijkse vaste vergoeding die aan de Uitvoerend Voorzitter van de Raad van Bestuur is betaald voor AY 16/17 bedraagt € 600.000. Tijdens AY 16/17 werd een totaal bedrag van gemaakte kosten van € 46.722 terugbetaald.

Jaarlijkse vergoeding van de Chief Executive Officer

De Chief Executive Officer heeft een managementcontract en ontvangt een vaste vergoeding waarin alle sociale lasten en belastingen zijn inbegrepen. Daarnaast ontvangt de Chief Executive Officer een variabele vergoeding.

Als gevolg van de positieve resultaten van de evaluatieprocedure die werd uitgevoerd voor AY 15/16, is de totale jaarlijkse vaste vergoeding van de Chief Executive Officer verhoogd met 10% met ingang van 1 april 2016. Voor AY 16/17 bedraagt de totale vaste vergoeding die aan Mavac BVBA, vast vertegenwoordigd door mevr. Marleen Vaesen, als Chief Executive Officer, werd betaald € 660.000.

De totale variabele vergoeding voor AY 16/17 bedraagt € 451.170. Tijdens AY 16/17 werd een totaal bedrag van gemaakte kosten van € 21.321 terugbetaald.

Er werden geen extralegale voordelen uitbetaald, noch in de vorm van cash, noch in de vorm van aandelenopties of warrants. Evenmin werden bijdragen in het kader van een pensioenplan betaald.

Totale jaarlijkse vergoeding van de leden van het Leadership Team (exclusief Chief Executive Officer)

Componenten van de totale jaarlijkse vergoeding AY 16/17(2)
€'000
AY 15/16(1)
€'000
Totale basisvergoeding
Totale variabele vergoeding
Pensioen
Andere vergoedingen
2.075
510
48
84
1.477
448
15
60
TOTAAL 2.717 2.001
(1) Per 31 maart 2016 bestond het Leadership Team uit zes leden (exclusief de Chief Executive Officer).
(2) Per 31 maart 2017 bestaat het Leadership Team uit acht leden (exclusief de Chief Executive Officer), van wie er drie lid zijn geworden met ingang
van respectievelijk 1 juni, 1 augustus en 1 oktober 2016. Dhr. Koen Sticker (als vaste vertegenwoordiger van Koen Sticker BVBA) heeft vrijwillig
ontslag genomen als Chief Financial Officer en lid van het Leadership Team met ingang van 1 augustus 2016.
Voor AY 16/17 bedraagt de totale jaarlijkse vergoeding die werd betaald aan de leden van het Leadership Team (exclusief de Chief
Executive Officer) € 2,7m. Deze stijging ten opzichte van AY 15/16 is voornamelijk het gevolg van het toegenomen aantal leden in
het Leadership Team.
Alle vergoedingen worden betaald op een pro rata basis overeenkomstig de duur van het mandaat van de leden van het Leadership
Team.
De andere vergoedingen omvatten voor de leden die als zelfstandige opereren voornamelijk de terugbetaling van onkosten
gemaakt ten dienste van de Groep (zijnde, onder andere, reis- en verblijfskosten). Voor de leden die als bediende opereren,
betreffen de andere vergoedingen de extralegale voordelen zoals bedrijfswagen, pensioenplan van het type vaste bijdragen
('defined contribution'), gezondheidszorg en hospitalisatieverzekering en de terugbetaling van reis- en verblijfskosten.
Tijdens AY 16/17 werden er geen aandelenopties toegekend aan de leden van het Leadership Team.
Evaluatiecriteria voor de vergoeding van de leden van het Leadership Team en de uitvoerende bestuurders
Met uitzondering van de Uitvoerend Voorzitter van de Raad van Bestuur krijgen de leden van het Leadership Team en de
uitvoerende bestuurders naast de vaste vergoeding ook een variabele vergoeding.
De variabele vergoeding bestaat uit een jaarlijkse bonus (korte termijn incentives) en in bepaalde gevallen lange termijn incentives.
Het jaarlijks bonusplan is gebaseerd op het behalen van een bepaald aantal targets, met een maximum tussen 75% en 100% voor
de kwantitatieve collectieve targets (REBITDA en werkkapitaal) en een maximum van 25% voor de kwalitatieve individuele targets
verbonden aan de individuele prestatie van het lid (zoals, onder andere, de efficiëntie van bepaalde processen, het opleveren van
een aantal projecten).
De evaluatieperiode komt overeen met het boekjaar van de Onderneming. De betaling gebeurt in het daaropvolgende boekjaar. De
kwantitatieve berekening gebeurt door de Chief Financial Officer op basis van geauditeerde cijfers. De beoordeling van de
persoonlijke kwalitatieve doelstellingen gebeurt door de Chief Executive Officer in samenspraak met het Remuneratiecomité en de
Raad van Bestuur. Het Remuneratiecomité doet jaarlijks aanbevelingen over het bonusplan.
De Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden in 2016 met betrekking tot AY 15/16 heeft de verzaking aan de
toepassing van artikel 520ter, tweede lid van het Wetboek van vennootschappen voor AY 16/17 goedgekeurd.
Het lange termijn incentive plan zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur is voor 100% gebaseerd op kwantitatieve targets
over drie boekjaren. AY 14/15 was het eerste jaar van het lange termijn incentive plan waarvoor betaling zal plaatsvinden na
afsluiting van AY 16/17. De voorwaarden hiervan worden jaarlijks door de Raad van Bestuur goedgekeurd.
11.1.3. Vertrekvergoeding voor de leden van het Leadership Team
In overeenstemming met artikel 554 van het Wetboek van vennootschappen omvatten de overeenkomsten met de leden van het
Leadership Team (inclusief de Chief Executive Officer) die afgesloten werden na 3 mei 2010 geen verbrekingsvergoedingen die de
periode van twaalf maanden overschrijden.
In geval van voortijdige beëindiging, verantwoordt en beslist de Raad van Bestuur, op aanbeveling van het Remuneratiecomité, of
het betrokken lid van het Leadership Team (inclusief de Chief Executive Officer), in aanmerking komt voor vertrekvergoeding, en de
berekeningsbasis hiervoor.

Evaluatiecriteria voor de vergoeding van de leden van het Leadership Team en de uitvoerende bestuurders

11.1.3. Vertrekvergoeding voor de leden van het Leadership Team

Voor het vrijwillig ontslag van Koen Sticker BVBA, vast vertegenwoordigd door dhr. Koen Sticker, als Chief Financial Officer met ingang van 1 augustus 2016 werd geen vertrekvergoeding betaald.

11.1.4. Terugvorderingsbepaling

De Onderneming heeft geen terugvorderingsrechten met betrekking tot de variabele vergoeding van de leden van het Leadership Team of de uitvoerende bestuurders, indien dit zou zijn toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.

11.1.5. Overige informatie die moet worden bekendgemaakt krachtens artikel 96 van het Wetboek van vennootschappen en artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt

Dit hoofdstuk bevat de informatie die moet worden bekendgemaakt onder de bovenvermelde wetgeving en die niet vervat is in andere hoofdstukken van het jaarverslag van de Raad van Bestuur.

Informatie met betrekking tot specifieke controlerechten van bepaalde effectenhouders

Overeenkomstig artikel 5 van de statuten van de Vennootschap vertegenwoordigen alle aandelen een gelijk deel in het vermogen van de Vennootschap.

Informatie met betrekking tot wettelijke of statutaire beperkingen op de uitoefening van stemrechten

Artikel 8 van de statuten van de Vennootschap bepaalt dat indien een aandeelhouder de opgevraagde storting op zijn aandelen niet heeft verricht binnen de door de Raad van Bestuur bepaalde termijn, de uitoefening van de stemrechten verbonden aan de aandelen van rechtswege zal worden geschorst zolang deze storting niet is verricht. Op 31 maart 2017 was het kapitaal volledig volstort.

Overeenkomstig artikel 10 van de statuten van de Vennootschap mag de Raad van Bestuur de uitoefening van de rechten verbonden aan een aandeel opschorten indien het betrokken aandeel toebehoort aan twee of meer personen of indien de rechten verbonden aan het betrokken aandeel zijn verdeeld over meerdere personen, totdat één enkele persoon tegenover de vennootschap als aandeelhouder is aangewezen.

Informatie met betrekking tot de regels om de statuten te wijzigen

Artikel 30 van de statuten van de Vennootschap is van toepassing in geval van wijziging van de statuten van de Vennootschap.

Informatie met betrekking tot de regels om bestuurders te benoemen en te vervangen

De Raad van Bestuur doet aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders een voorstel voor de (her)benoeming als bestuurder op basis van de kandidatenlijst opgesteld door het Benoemingscomité. Vóór elke (her)benoeming gebeurt een evaluatie van de bekwaamheden, kennis en ervaring die reeds aanwezig zijn in de Raad van Bestuur en deze die nog nodig zijn. In het geval van de benoeming van een nieuwe bestuurder vergewist de Voorzitter van het Benoemingscomité zich ervan dat de Raad van Bestuur over voldoende informatie beschikt over de kandidaat. Voor elke vacante positie van een onafhankelijke bestuurder, start het Benoemingscomité de zoektocht op en stelt het ten minste twee (en bij voorkeur meer) kandidaten voor aan de Raad van Bestuur. Naast de criteria uiteengezet in artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen, zal de benoeming als onafhankelijke bestuurder alleen maar worden overwogen indien de kandidaat-onafhankelijke bestuurder ook voldoet aan de criteria uiteengezet in het Corporate Governance Charter. De beslissing van de Raad van Bestuur om een kandidaat-onafhankelijke bestuurder voor (her)benoeming voor te stellen aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders vereist een twee derde meerderheid. Het mandaat eindigt onmiddellijk na de Algemene Vergadering van Aandeelhouders tot dewelke de bestuurder werd benoemd. Uittredende bestuurders zijn herbenoembaar.

Het mandaat van de bestuurders wordt beëindigd op de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van het kalenderjaar waarin de betrokken bestuurder (of zijn vaste vertegenwoordiger) de leeftijd van zeventig jaar bereikt. De Raad van Bestuur kan uitzonderingen op deze leeftijdsgrens voorstellen aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. Het mandaat van de bestuurders kan te allen tijde worden herroepen bij eenvoudige meerderheid binnen de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.

In geval van voortijdige vacature in de Raad van Bestuur, besturen overeenkomstig artikel 16 van de statuten van de Onderneming de overblijvende bestuurders de Onderneming en hebben zij het recht voorlopig in de vacature te voorzien totdat de Algemene Vergadering van Aandeelhouders een nieuwe bestuurder heeft benoemd.

Informatie met betrekking tot de bevoegdheid van de Raad van Bestuur tot uitgifte of inkoop van eigen aandelen

Voor meer informatie over de bevoegdheid van de Raad van Bestuur tot uitgifte of inkoop van eigen aandelen wordt verwezen naar hoofdstuk Informatie voor Aandeelhouders.

Aandeelhoudersovereenkomsten die bekend zijn bij de emittent en die aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdracht van effecten en/of uitoefening van het stemrecht

Bij de Raad van Bestuur zijn geen aandeelhoudersovereenkomsten bekend dewelke aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdracht van effecten of van de uitoefening van het stemrecht, met uitzondering van de overeenkomst van 8 mei 2015 tussen Deprez Holding NV, dhr. Hein Deprez, Food Invest International NV (FII), Gimv NV, Gimv XL Partners Invest Comm.V., Adviesbeheer Gimv XL NV (de Gimv entiteiten worden gezamenlijk Gimv XL genaamd), Agri Investment Fund CVBA (AIF) en Greenyard.

Deze aandeelhoudersovereenkomst werd afgesloten voor een periode van maximum vijf jaar. De overeenkomst bevat een verplichting voor de partijen om zowel Gimv XL als AIF toe te staan te allen tijde een bestuurder te hebben in de Raad van Bestuur en om het stemrecht verbonden aan hun aandelen uit te oefenen op de Algemene Vergadering van Aandeelhouders in het voordeel van de benoeming van één van de kandidaten voorgesteld door Gimv XL en AIF. Dit recht zal vervallen wanneer Gimv XL respectievelijk AIF minder dan 5% van de aandelen bezitten. AIF zal echter het recht hebben om een bestuurder te hebben in de Raad van Bestuur zelfs indien zij minder dan 5% van de aandelen aanhoudt gedurende een overgangsperiode van twee jaar vanaf 19 juni 2015. Deze overeenkomst voorziet tevens een 'lock-up' verplichting voor Deprez Holding NV ten aanzien van Gimv XL om aandelen niet te verkopen op een manier dat zij daardoor minder dan 30% van de aandelen in de Onderneming zou aanhouden. De overeenkomst bevat bovendien bepalingen met betrekking tot de procedure die van toepassing is op een secundaire verkoop en bevat een volgrecht ten gunste van Gimv XL.

De andere aandeelhoudersovereenkomst die met betrekking tot Greenyard werd gesloten op 30 augustus 2013 tussen FII, Groupe d'Aucy (voorheen Union Fermière Morbihannaise SCA), Deprez Holding NV (die toetrad tot dit onderling overleg op 2 december 2014) en Greenyard werd beëindigd met ingang van 1 maart 2017. Op voormelde datum heeft Deprez Holding NV haar aankoopoptie uitgeoefend en heeft zij alle aandelen die door Groupe d'Aucy in Greenyard werden aangehouden, overgenomen. Als gevolg hiervan is Groupe d'Aucy niet langer aandeelhouder van Greenyard.

Belangrijke overeenkomsten die in werking treden, wijzigingen ondergaan of aflopen in geval van wijziging in de controle over de Onderneming

De volgende overeenkomsten treden in werking, ondergaan wijzigingen of lopen af in geval van wijziging van controle over de Onderneming:

  • De Multi-Country Factoring Syndication Agreement van 1 maart 2016 tussen de Onderneming en bepaalde van haar dochterondernemingen (als Original Clients), enerzijds, en ING Commercial Finance BELUX NV (als Agent), BNP Paribas Fortis Factor NV, KBC Commercial Finance NV en Belfius Commercial Finance NV, anderzijds; en
  • De € 375.000.000 Senior Term and Multicurrency Revolving Facilities Agreement van 22 december 2016 tussen de Onderneming en bepaalde van haar dochteronderneming (als Original Borrowers en Original Guarantors), enerzijds, en KBC Bank NV (als Coordinator), BNP Paribas Fortis SA/NV, ING Belgium NV/SA, KBC Bank NV (als Bookrunning Mandated Lead Arrangers), ABN Amro Bank N.V., Belfius Bank NV, Coöperatieve Rabobank U.A. (als Mandated Lead Arrangers), en ING Bank NV (als Agent en Security Agent), anderzijds; en
  • De Subscription Agreement van 8 december 2016 met betrekking tot de € 125.000.000 3,75% gegarandeerde converteerbare obligaties tussen Greenyard Fresh Holding BE NV (voorheen FieldLink NV) en Greenyard, enerzijds, en Joh. Berenberg, Gossler & Co. KG, Frankfurt Branch en BNP Paribas Fortis SA/NV (Joint Global Coordinators) en Bank Degroof Petercam SA/NV, KBC Bank NV, Daiwa Capital Markets Europe Limited (Joint Bookrunners), anderzijds.

12. Interne controle en risicobeheer

De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de opvolging van de risico's die eigen zijn aan de Groep en voor de beoordeling van de doeltreffendheid van het interne controlesysteem.

De Raad van Bestuur heeft een intern controlesysteem vastgesteld dat gebaseerd is op het Committee of Sponsoring Organisations of the Treadway Commission ('COSO') model. Hierna worden volgende pijlers besproken: 'controleomgeving', 'risicobeheersystemen en interne controle', 'financiële rapportering en communicatie' en ten slotte 'toezicht en opvolging'.

Het management heeft verscheidene controles geïmplementeerd om de risico's te beheersen, die de realisatie van de strategische doelstellingen zouden kunnen ondermijnen.

12.1.Controleomgeving

12.1.1. Algemeen

De Groep voert een bewust risicobeheer aan de hand van een interne controlesysteem dat wordt bewerkstelligd door de aanmoediging van een bedrijfscultuur waarbij alle medewerkers worden gemachtigd hun taken en verantwoordelijkheden te vervullen naar de hoogste normen van integriteit en deskundigheid.

12.1.2. Auditcomité

Zonder afbreuk te doen aan de verantwoordelijkheden van de Raad van Bestuur als geheel, ziet het Auditcomité toe op de doeltreffendheid van de interne controle en risicobeheersystemen opgezet door het management van de Groep teneinde te bevestigen dat de voornaamste risico's worden geïdentificeerd (waaronder die met betrekking tot de naleving van wet- en regelgeving), beheerd en ter kennis gebracht van de verantwoordelijke personen, dit alles binnen het kader dat door de Raad van Bestuur werd vastgelegd.

Minstens tweemaal per jaar ontmoet het Auditcomité de commissaris, ter overleg van onderwerpen die tot haar bevoegdheid behoren en over alle andere aangelegenheden die voortvloeien uit de auditwerkzaamheden.

Daarnaast geeft het management op regelmatige basis een status van de hangende geschillen aan het Auditcomité. Hierbij wordt telkens het risico gekwantificeerd alsook gekwalificeerd.

12.1.3. Interne audit

De Groep heeft een deskundige interne auditafdeling. Het Auditcomité beoordeelt de risicoanalyse van de interne auditafdeling, evenals het interne audit charter alsook het interne audit plan, en ontvangt op regelmatige basis de interne auditrapporten ter bespreking en nazicht. De missie van de interne auditafdeling omvat een onafhankelijke en objectieve kwaliteitsborging en ondersteuning, en beoogt zo meerwaarde te creëren door middel van verbetering van de onderliggende bedrijfscycli en bijhorende interne controles.

De interne auditafdeling helpt de Groep haar algemene doelstellingen te bereiken door de risicobeheer- en controleprocedures stelselmatig en gedisciplineerd te evalueren en te verbeteren. Gebreken in de interne controle die werden vastgesteld door de interne audit worden tijdig meegedeeld aan het management en er wordt periodiek opgevolgd om te verzekeren dat de nodige remediërende actie wordt genomen.

12.2.Risicobeheerssystemen en interne controle

De belangrijkste kenmerken van het proces voor risicobeheer en interne controle kunnen zijn als volgt:

  • De risicopositie van de onderneming, de mogelijke financiële impact en de vereiste actiepunten worden telkens regelmatig geëvalueerd door het management en door de Raad van Bestuur, daarbij geadviseerd door het Auditcomité; hierbij worden risico's geprioriteerd en hiermee gepaard gaande plannen van aanpak bepaald;
  • Bij het bespreken van de strategie en investeringsprojecten binnen de Raad van Bestuur, wordt eveneens een evaluatie gemaakt van de hieraan verbonden risico's. Waar nodig worden gepaste maatregelen genomen;
  • De interne auditrapporten werden steeds met het lokaal management besproken en halfjaarlijks wordt een samenvatting eveneens met het Auditcomité besproken.

Voor een bespreking van de voornaamste risico's en de overeenstemmende controleactiviteiten wordt verwezen naar het Jaarverslag van de Raad van Bestuur en toelichting 6.18. Beleid inzake risicobeheer.

12.3.Financiële rapportering en communicatie

Het proces van financiële rapportering en berichtgeving van de Groep kan als volgt worden samengevat:

Een afsluitingsprogramma met checklist omvat de taken die moeten worden vervuld voor de kwartaal-, halfjaar- en jaarafsluiting van Greenyard NV en haar dochterondernemingen. De financiële afdeling verschaft de boekhoudkundige cijfers onder toezicht van het hoofd boekhouding of de financiële directeur van elke vestiging. De controllers verifiëren de geldigheid van deze cijfers en brengen daarvan verslag uit. Daarbij worden zowel coherentietesten door vergelijkingen met historische of budgettaire cijfers, als steekproefsgewijze controles van verrichtingen gehanteerd. Als onderdeel van het afsluitingsproces dient er telkens ook een uitgebreide rapportering met financiële en niet-financiële gegevens aangeleverd te worden.

Het Auditcomité staat de Raad van Bestuur bij in het toezicht op de integriteit van de financiële informatie verschaft door Greenyard. Het ziet in het bijzonder toe op de relevantie en consistentie van de toepassing van de boekhoudstandaarden dewelke in de Groep worden gehanteerd, en onder meer ook op de criteria voor de consolidatie van de rekeningen van de groepsondernemingen. De periodieke informatie wordt eveneens aan toezicht onderworpen voor bekendmaking dewelke gebaseerd is op het door het Auditcomité gehanteerde auditprogramma. Het management brengt het Auditcomité op de hoogte van de gehanteerde methodes betreffende de boekhoudkundige verwerking van significante en ongebruikelijke verrichtingen waarvan de boekhoudkundige verwerking vatbaar kan zijn voor diverse benaderingen. Het Auditcomité bespreekt de financiële rapporteringsmethodes met zowel het Leadership Team als met de commissaris.

12.4.Toezicht en monitoring

Het toezicht op de interne controle wordt uitgeoefend door de Raad van Bestuur, daarin bijgestaan door de werkzaamheden van het Auditcomité.

De commissaris verricht jaarlijks een beoordeling van de interne controle met betrekking tot de risico's die verband houden met de financiële staten van de Groep. In dit kader geeft de commissaris indien nodig aanbevelingen over de interne controle en risicobeheerssystemen, hetgeen wordt geformaliseerd in een 'management letter'. Het management onderneemt acties om aan de bevindingen tegemoet te komen en zodoende de interne controleomgeving nog verder te verbeteren. Deze maatregelen worden opgevolgd en het Auditcomité gaat na in welke mate het Leadership Team tegemoet komt aan de aanbevelingen, zoals voorgelegd door de commissaris.

INFORMATIE VOOR DE AANDEELHOUDER

1. Aandelen

De aandelen van de Onderneming zijn genoteerd op de continue markt van Euronext Brussel (stockcode: GREEN), meer specifiek in het segment B (mid-caps) van deze markt, sinds 1 maart 2005. Het Greenyard aandeel werd geïntroduceerd op de Beurs van Brussel in juni 1999. Greenyard NV sloot een liquiditeitscontract af met Bank Degroof Petercam. Op 14 maart 2017 is de Onderneming een inkoopprogramma eigen aandelen gestart waarbij tot 1.750.000 aandelen worden ingekocht of ongeveer 4% van het aantal uitstaande aandelen. Per 31 maart 2017 had de Onderneming 1.034.677 eigen aandelen gekocht.

2. Beursevolutie

AY 16/17 Datum AY 15/16 Datum
Hoogste koers € 17,90 23/03/2017 € 21,25 2/06/2015
Laagste koers € 11,68 22/07/2016 € 11,59 12/10/2015
Openingskoers € 13,33 1/04/2016 € 17,16 1/04/2015
Slotkoers € 17,90 31/03/2017 € 13,33 31/03/2016
Gemiddeld aantal verhandelde aandelen per dag 28.302 23.002
Omzet € 110.281.234 € 81.984.689
Omloopsnelheid 16,6% 13,2%
Totaal aantal aandelen inclusief eigen aandelen 44.372.585 44.372.585
Marktkapitalisatie € 794.047.409 € 591.486.558

Het gemiddeld aantal verhandelde aandelen per dag in AY 16/17 bedraagt 28.302 ten opzichte van 23.002 het jaar voordien, hetzij een stijging van 23%. Rekening houdend met de stijging van de aandeelprijs steeg de totale omzet tot € 110.281.234, wat een toename is van 31% ten opzichte van AY 15/16. Inclusief bloktransacties, die deel uitmaken van het inkoopprogramma eigen aandelen, bedraagt de stijging 50%.

3. Kapitaalstructuur

Toegestaan kapitaal

Overeenkomstig artikel 7 van de statuten is de Raad van Bestuur gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming in één of meerdere malen te verhogen tot een totaalbedrag van € 293.851.765,23. De bevoegdheid is geldig voor een periode van 5 jaar, en geldt vanaf 15 juli 2015, en kan vernieuwd worden in overeenstemming met de geldende wettelijke bepalingen. Krachtens deze machtiging kan de Raad van Bestuur onder meer een kapitaalverhoging uitvoeren binnen het kader van het toegestaan kapitaal door middel van het uitgifte van gewone aandelen, warrants, converteerbare obligaties of inschrijvingsrechten, de omzetting van reserves en kan het voorkeurrecht van de aandeelhouders van de Onderneming beperken of opschorten. Daarnaast is de Raad van Bestuur vanaf 15 juli 2015 voor een periode van drie jaar gemachtigd om gebruik te maken van het toegestaan kapitaal bij kennisname door de Onderneming van een bericht van de FSMA over een openbaar overnamebod op de effecten van de Onderneming.

Uitgifte van converteerbare obligatielening

Op 7 december 2016 keurde de Raad van Bestuur de uitgifte goed door Greenyard Fresh Holding BE NV (voorheen gekend als FieldLink NV) van 'senior unsecured' converteerbare obligaties voor een totaalbedrag van € 125,0m, gewaarborgd door de Onderneming en converteerbaar in gewone aandelen van de Onderneming, met vervaldag 22 december 2021. Deze converteerbare obligaties hebben een coupon van 3,75% per jaar en zijn genoteerd op het Open Market segment van de Frankfurt Stock Exchange (Freiverkehr). De Raad van Bestuur achtte het in het belang van de Onderneming om het voorkeurrecht van de bestaande aandeelhouders te schorsen in overeenstemming met artikel 596 en volgende van het Wetboek van vennootschappen om op die manier te genieten van de huidige marktomstandigheden en om de kapitaalmarkten op tijd en efficiënt te betrekken, rekening houdend met de formaliteiten die nageleefd dienen te worden bij het aanbieden van converteerbare obligaties met voorkeurrechten.

De Raad van Bestuur heeft gebruik gemaakt van haar bevoegdheid binnen het toegestaan kapitaal wanneer het op 15 december 2016 de kapitaalsverhoging in natura goedkeurde, binnen de limieten van het toegestaan kapitaal, door middel van de inbreng door de houders van converteerbare obligaties in Greenyard Fresh Holding BE NV van hun vordering ten opzichte van Greenyard Fresh Holding BE NV in de Onderneming, onder voorbehoud van de effectieve uitoefening van hun conversierecht. Op 22 december 2016 is de Raad van Bestuur gestart met de uitvoering van de uitgifte van de converteerbare obligaties. Per 31 maart 2017 werden nog geen conversieopties uitgeoefend.

Inkoop van eigen aandelen

De Raad van Bestuur is, overeenkomstig artikel 12 van de statuten van de Onderneming, gemachtigd om haar eigen aandelen te verkrijgen tot het wettelijk maximumbedrag van 20% van het totaal aantal uitgegeven aandelen zoals toegestaan krachtens artikel 620 van het Wetboek van vennootschappen, zonder dat een voorafgaandelijk besluit van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders vereist is. Deze machtiging van de Raad van Bestuur geldt voor een periode van vijf jaar te rekenen vanaf 10 oktober 2014. Deze machtiging kan overeenkomstig artikel 620 van het Wetboek van vennootschappen worden hernieuwd.

Inkoopprogramma eigen aandelen

Op 14 maart 2017 heeft de Raad van Bestuur, binnen de bevoegdheid die toegestaan werd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, het opstarten van een inkoopprogramma van eigen aandelen goedgekeurd tot een maximum van 1.750.000 aandelen. Het programma is opgezet om de potentiële verwatering van de converteerbare obligatie te beperken en een positie van eigen aandelen te creëren ter financiering van potentiële, toekomstige overnames en/of potentiële, toekomstige lange termijn optieplannen. Per eind maart 2017 had de Onderneming 1.034.677 eigen aandelen gekocht, hetzij 2,33% van het totaal aantal uitstaande aandelen. Het totale bedrag is € 16,4m of € 15,88 per aandeel.

4. Aandeelhoudersstructuur

Iedere aandeelhouder die minstens 5% van de stemrechten in bezit heeft, moet zich conformeren aan de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van de belangrijke deelnemingen, aan het KB van 14 februari 2008 met betrekking tot de openbaarmaking van belangrijke holdings en aan het Wetboek van vennootschappen. De betrokkenen dienen daarvoor een kennisgeving op te sturen naar de FSMA (Financial Services and Market Authority: Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten) en naar de Onderneming.

De aandeelhoudersstructuur van de Onderneming op 31 maart 2017 is als volgt:

Aandeelhoudersstructuur Aantal aandelen %
Deprez Holding NV 13.550.861 30,5%
Food Invest International NV 6.534.173 14,7%
Sujajo Inv. 3.957.145 8,9%
Agri Investment Fund CVBA 1.776.393 4,0%
Gimv 1.607.828 3,6%
Eigen aandelen 1.034.677 2,3%
Publiek 15.911.508 35,9%
TOTAAL 44.372.585 100,00%

Een overzicht van de huidige aandeelhoudersstructuur is terug te vinden op onze website www.greenyard.group onder de rubriek Investor relations > Aandeleninformatie.

5. Belangrijke evoluties van het aandeelhouderschap

Op 6 oktober 2016 heeft de Onderneming een kennisgeving van deelneming ontvangen waarbij 2D NV 2.749.343 aandelen verkocht aan Food Invest International NV (FII NV) en 493.950 aandelen aan Tosalu NV. Als gevolg van deze transacties is 2D NV niet langer aandeelhouder van Greenyard en verhoogde FII NV zijn aandeel in de Onderneming van 8,5% naar 14,7%.

Op 3 maart 2017 heeft de Onderneming een kennisgeving van deelneming ontvangen waarbij Deprez Holding NV haar optie heeft gelicht om de aandelen van Groupe d'Aucy over te nemen, waardoor haar deelneming steeg naar 30,5% ten opzichte van 29,1% voorheen. Bijgevolg verhoogde de familie Deprez, door middel van Deprez Holding NV en FII NV, haar deelneming naar 45,2%. Vanaf die datum werd de deelneming van Groupe d'Aucy's in de Onderneming verlaagd naar 0%.

Op 23 februari 2017 verkocht Green Valley SA 2.700.000 aandelen aan Peter Gain. Hierdoor werden de laagste meldingsdrempels van 5% onder- en overschreden door respectievelijk Green Valley SA en Peter Gain. Door deze transactie hield Peter Gain 6,1% in de Onderneming. Op 24 maart 2017 heeft de Onderneming een kennisgeving van deelneming ontvangen waarbij Mr Peter Gain de laagste meldingsdrempel van 5% onderschreed.

Per eind maart 2017 had de Onderneming 1.034.677 eigen aandelen gekocht, hetzij 2,33% van het totaal aantal uitstaande aandelen.

6. Contacten

Voor vragen over de activiteiten van de Groep, over het aandeel of voor alle vragen omtrent informatie (jaarverslag, gedetailleerde rekening van Greenyard NV) staat het 'investor relations' team ter beschikking van aandeelhouders en investeerders:

T.a.v. Dhr. Kris Kippers Greenyard NV Strijbroek 10 B-2860 Sint-Katelijne-Waver Of via e-mail: [email protected]

7. Financiële kalender

Algemene vergadering AY 16/17: 15 september 2017 (14u00)

Q1 trading update AY 17/18: 29 augustus 2017 (na beurs)

Bekendmaking halfjaarresultaten (01/04/2017-30/09/2017): 21 november 2017 (na beurs)

LIKE-FOR-LIKE FINANCIËLE INFORMATIE

De geconsolideerde winst- en verliesrekening omvat 12 maanden voor alle segmenten voor AY 16/17. AY 15/16 omvat voor Fresh en Horticulture slechts 9,5 maanden. Als zodanig werden pro-forma, niet-geauditeerde managementcijfers voor AY 15/16 voorbereid met het oog op vergelijkbaarheid met AY 16/17.

Greenyard AY 16/17 AY 15/16 Verschil
LFL €'000 000 €'000 000
Omzet 4.249,2 3.967,3 7,1%
REBITDA 145,7 136,2 7,0%
REBITDA-marge % 3,4% 3,4%
Nettoresultaat 0,7 17,0 -95,9%
WPA 0,02 0,44 -95,5%
NFD 324,2 382,9 -15,3%
NFD/LFL REBITDA 2,2 2,8

De omzet is met 7,1% gestegen naar € 4.249,2m in AY 16/17. Deze groei is hoofdzakelijk gerealiseerd door interne groei (5,3%) en fusies en overnames (2,7%), wisselkoersschommelingen hebben een beperkte negatieve impact (-1,0%).

REBITDA is met 7,0% gestegen naar € 145,7m. De stijging van € 9,5m in AY 16/17 is voornamelijk het resultaat van omzetgroei, verbeterde productmix en kostenefficiënties.

Het nettoresultaat bedraagt € 0,7m. Exclusief de éénmalige kosten van de herfinanciering bedraagt het genormaliseerde nettoresultaat € 21,9m. Dit resulteert in een WPA van € 0,02 en een genormaliseerde WPA van € 0,51.

De netto financiële schuld daalt met € 58,7m tot € 324,2m in AY 16/17. Dit leidt tot een schuldgraad van 2,2x, een daling t.o.v. 2,8x vorig jaar en 2,7x in september 2016. De verbetering is gedreven door de operationele kasstroom alsook een daling van het werkkapitaal.

EBIT voor éénmalige kosten en opbrengsten - REBITDA AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
EBIT voor éénmalige kosten en opbrengsten 81.643 60.417
Afschrijvingen en waardeverminderingen
Desinvesteringen (niet in IFRS 5 scope)
62.776
1.291
54.655
-114
REBITDA 145.710 114.958
LFL aanpassingen voor Fresh en Horticulture naar 12 maanden - 21.242
REBITDA LFL 145.710 136.200
Reconciliatie netto financiële schuld 31 maart 2017
Gerapporteerd
€'000
31 maart 2017
Reconciliatie (*)
€'000
31 maart 2017
Totaal
€'000
Geldmiddelen en kasequivalenten
Rentedragende leningen (langlopend/kortlopend)
-113.242
418.881
-
18.595
-113.242
437.476
Netto financiële schuld 324.234

(*) Hoofdzakelijk geactiveerde transactiekosten in verband met de herfinanciering (€ 7,2m) en de netto waarde van de conversieoptie na afschrijvingen (€ 11,5m) worden aangepast om de nominale bedragen van de financiering als onderdeel van gerapporteerde netto financiële schuld te presenteren.

LIKE-FOR-LIKE OMZET EN REBITDA PER OPERATIONEEL SEGMENT

Fresh

Segment Fresh
LFL
AY 16/17
€'000 000
AY 15/16
€'000 000
Verschil
Omzet 3.425,8 3.248,8 5,4%
REBITDA 79,2 75,4 5,1%
REBITDA-marge % 2,3% 2,3%

De omzet van Fresh is met 5,4% toegenomen, met een interne omzetgroei van 6,0%. Deze groei is gedreven door de sterke prestaties in de Duitse en Nederlandse markt. De cluster Growth Markets toont een gemengd beeld op de omzetevolutie: de activiteiten in het Verenigd Koninkrijk worden negatief beïnvloed door de Brexit, met een druk op de retailprijzen als gevolg, daarentegen realiseren Frankrijk en de Verenigde Staten een omzetgroei boven het gemiddelde van het segment. De vertraging t.o.v. de eerste helft van AY 16/17 wordt voornamelijk verklaard door de koude weersomstandigheden in het laatste kwartaal, wat resulteert in tekorten aan producten. De prijzen evolueren positief door voortdurende productmixverbeteringen, die wordt gedreven door een grote vraag naar exoten, ready-to-eat en mixen.

REBITDA groeit met 5,1% met stabiele marges op 2,3%. De verbetering van € 3,8m is te danken aan de Duitse en Nederlandse markt, alsook een verbeterde prestatie van de logistieke activiteiten. Deze worden echter gecompenseerd door de volumetekorten in het laatste kwartaal van AY 16/17. Ook de prijs- en margedruk in het Verenigd Koninkrijk beïnvloedt de marges, voornamelijk in de tweede helft van AY 16/17.

Long Fresh

Segment Long Fresh AY 16/17 AY 15/16 Verschil
Gerapporteerd €'000 000 €'000 000
Omzet 748,3 646,1 15,8%
REBITDA 56,5 53,8 5,1%
REBITDA-marge % 7,6% 8,3%
REBITDA herwerkt 56,5 51,6 9,6%
REBITDA-marge % (herwerkt) 7,6% 8,0%

De omzet van Long Fresh is met 15,8% gestegen door de interne omzetgroei (2,1%) en de overname van Lutèce (16,7%). De productmix blijft de activiteiten van Frozen bevorderen, terwijl de prijsomgeving binnen Prepared verbetert, maar nog steeds negatief bijdraagt. Het effect van wisselkoersschommelingen is negatief (-3,0%), door de verzwakking van de Britse Pond.

Na een lichte daling in de eerste helft van AY 16/17, verbetert de REBITDA in de tweede helft van AY 16/17 (+23,4%). De stijging is het gevolg van continue verbeteringen in productmix (voornamelijk Frozen), duurzame kostenefficiënties, een herstel van de situatie in Moréac en de bijdrage van Lutèce. Dit wordt gedeeltelijk tenietgedaan door de moeilijke productierendementen (ongunstige weersomstandigheden) en de bovengenoemde prijsdruk binnen Prepared.

Horticulture

Segment Horticulture AY 16/17 AY 15/16 Verschil
LFL €'000 000 €'000 000
Omzet 75,1 72,4 3,7%
REBITDA 9,9 9,2 7,7%
REBITDA-marge % 13,2% 12,8%

Terwijl de omzet in de eerste helft van AY 16/17 daalde met 2,5%, wordt dit meer dan gecompenseerd door de sterke tweede helft van AY 16/17 (+10,3%), waardoor de jaaromzet in AY 16/17 met 3,7% stijgt. Het merendeel van deze groei is intern (3,1%), dankzij een aanhoudende sterke vraag naar nieuwe, innovatieve producten gecombineerd met groei in Polen en België. In de tweede helft van AY 16/17 breidde Horticulture haar producttoevoer uit dankzij de overname van Nesterovskoye in Rusland, waardoor de toekomstige groei wordt verzekerd. Deze overname heeft een positieve impact op de omzet van 0,6%.

REBITDA stijgt met 7,7% waarbij de marge verbetert naar 13,2%. De voornaamste oorzaken van deze stijging zijn de verbeterde productmix, lagere transportkosten, alsook de strenge kostenbeheersing.

GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING

Geconsolideerde winst- en verliesrekening Toelichting (*) AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
VOORTGEZETTE ACTIVITEITEN
Omzet
Kostprijs van de omzet
Brutowinst/verlies (-)
5.1 4.249.203
-3.942.910
306.293
3.203.201
-2.968.823
234.378
Verkoop-, marketing- en distributiekosten
Beheers- en administratiekosten
Overige bedrijfsopbrengsten
Aandeel in de winst/verlies (-) van de deelnemingen opgenomen
volgens de vermogensmutatiemethode
EBIT voor éénmalige kosten en opbrengsten
5.1
5.1
5.3
-97.298
-135.829
8.930
-452
81.643
-72.866
-108.700
8.190
-584
60.417
Eénmalige kosten (-)/opbrengsten uit bedrijfsactiviteiten 5.4 -8.241 12.813
EBIT 73.402 73.230
Interestkosten
Interestopbrengsten
Overig financieel resultaat
Financieel resultaat
5.5
5.5
5.5
-50.139
1.795
-24.268
-72.612
-36.640
1.737
-8.924
-43.826
Winst/verlies (-) voor belastingen 790 29.405
Belastinglasten (-)/baten 5.6 -74 -12.363
Winst/verlies (-) van de periode uit voortgezette activiteiten 716 17.041
NIET-VOORTGEZETTE ACTIVITEITEN
Winst/verlies (-) van de periode uit niet-voortgezette activiteiten (toe
te rekenen aan de aandeelhouders van de Groep)
- -
WINST/VERLIES (-) VAN DE PERIODE 716 17.041
Toe te rekenen aan:
Aandeelhouders van de Groep
Minderheidsbelangen
885
-169
16.693
348
Winst/verlies (-) per aandeel (in € per aandeel) Toelichting (*) AY 16/17 AY 15/16
Basisberekening 5.7 0,02 0,44
Na verwateringseffect 5.7 0,02 0,44

(*) De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze geconsolideerde winst- en verliesrekening.

GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN

Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten AY 16/17 AY 15/16
€'000 €'000
Winst/verlies (-) van de periode 716 17.041
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegde
pensioenrechten, bruto
-
2
-2.506
Uitgestelde belastingen op herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegde pensioenrechten
19 706
Posten die niet geherklasseerd worden naar winst of verlies 17 -1.801
Kasstroomafdekkingen, bruto 2.745 -5.321
Uitgestelde belastingen op kasstroomafdekkingen -746 1.809
Omrekeningsverschillen 1.003 -2.540
Reële waardereserve -60 87
Posten die mogen geherklasseerd worden naar winst of verlies 2.942 -5.965
Niet-gerealiseerde resultaten 2.959 -7.765
TOTAAL 3.675 9.276
Toe te rekenen aan:
Aandeelhouders van de Groep 3.749 8.978
Minderheidsbelangen -74 296

GECONSOLIDEERDE BALANS

Activa Toelichting (*) 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
VASTE ACTIVA 1.265.218 1.286.162
Materiële vaste activa 6.1. 375.952 380.866
Goodwill 6.2. 591.923 589.875
Overige immateriële vaste activa 6.3. 238.541 249.703
Biologische activa 6.4. 20.353 21.081
Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode 6.5. 8.975 7.141
Overige financiële activa 6.6. 183 187
Uitgestelde belastingvorderingen 6.7. 22.579 10.871
Handels- en overige vorderingen 6.9. 6.711 26.438
VLOTTENDE ACTIVA 725.454 800.326
Biologische activa 66 80
Voorraden 6.8. 296.217 293.587
Handels- en overige vorderingen 6.9. 313.892 360.944
Overige financiële activa 6.6. 2.037 7.765
Geldmiddelen en kasequivalenten 6.10. 113.242 137.949
TOTAAL ACTIVA 1.990.673 2.086.488
Eigen vermogen en verplichtingen Toelichting (*) 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
EIGEN VERMOGEN 706.246 728.292
Geplaatst kapitaal 6.12. 288.392 288.392
Uitgiftepremies en andere kapitaalinstrumenten 6.12. 317.882 317.882
Geconsolideerde reserves 91.257 114.670
Gecumuleerde omrekeningsverschillen -2.875 -4.370
Minderheidsbelangen 11.590 11.718
LANGLOPENDE VERPLICHTINGEN 517.718 534.864
Voorzieningen met betrekking tot pensioenen en soortgelijke rechten 6.14. 21.245 21.620
Voorzieningen voor overige kosten en schulden 6.15. 8.855 11.396
Rentedragende leningen 6.16. 410.472 450.281
Overige financiële verplichtingen 6.6. 28.572 4.362
Handels- en overige schulden 6.17. 1.116 1.051
Uitgestelde belastingverplichtingen 6.7. 47.458 46.154
KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN 766.708 823.332
Voorzieningen voor overige kosten en schulden 6.15. 894 6.223
Rentedragende leningen 6.16. 8.409 72.687
Overige financiële verplichtingen 6.6. 781 3.584
Handels- en overige schulden 6.17. 756.624 740.839
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN 1.990.673 2.086.488

(*) De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze geconsolideerde balans.

De geconsolideerde balans wordt compacter getoond ten opzichte van AY 15/16. De compacte presentatie komt overeen met de interne rapportering en geeft een duidelijk overzicht van eigen vermogen en alle activa en verplichtingen en verwijst naar de toelichtingen voor meer detail. De compacte presentatie zal consistent worden toegepast in de toekomst.

GECONSOLIDEERDE STAAT VAN WIJZIGINGEN IN EIGEN VERMOGEN

Eigen vermogen AY 16/17 Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep Minderheids Totaal
Geplaatst
kapitaal
Uitgifte
premies
Eigen
aandelen
Overgedragen
resultaat
Reserve
kasstroom
afdekkingen
Valuta
omrekenings
reserve
Reële
waarde
reserve
Toegezegde
pensioen
rechten
Totaal belangen eigen
vermogen
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Balans op 31 maart 2016 288.392 317.882 - 120.271 -3.900 -4.357 87 -1.801 716.574 11.718 728.292
Winst/verlies (-) van de periode - - - 885 - - - - 885 -169 716
Kasstroomafdekkingen, bruto - - - - 2.745 - - - 2.745 - 2.745
Uitgestelde belastingen op
kasstroomafdekkingen - - - - -746 - - - -746 - -746
Omrekeningsverschillen - - - - - 908 - - 908 95 1.003
Herwaardering van de nettoverplichting
uit hoofde van toegezegde - - - - - - - -
2
-
2
- -
2
pensioenrechten, bruto
Uitgestelde belasting op herwaardering
van de nettoverplichting uit hoofde van - - - - - - - 19 19 - 19
toegezegde pensioenrechten
Reële waardereserve - - - - - - -60 - -60 - -60
Niet-gerealiseerde resultaten - - - - 1.999 908 -60 17 2.864 95 2.959
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten van de periode
- - - 885 1.999 908 -60 17 3.749 -74 3.675
Dividenduitkering (toelichting 6.12.) - - - -8.875 - - - - -8.875 - -8.875
Wijzigingen in consolidatiekring en - - - -357 - - - - -357 -54 -410
andere wijzigingen
Inkoopprogramma (toelichting 6.12.) - - -16.436 - - - - - -16.436 - -16.436
Balans op 31 maart 2017 288.392 317.882 -16.436 111.924 -1.901 -3.449 27 -1.784 694.656 11.591 706.247
Eigen vermogen AY 15/16 Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep Minderheids Totaal
Geplaatst
kapitaal
Uitgifte
premies
Eigen
aandelen
Overgedragen
resultaat
Reserve
kasstroom
afdekkingen
Valuta
omrekenings
reserve
Reële
waarde
reserve
Toegezegde
pensioen
rechten
Totaal belangen eigen
vermogen
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Balans op 31 maart 2015 97.845 14.309 - 103.867 -388 -1.869 - - 213.764 8.066 221.830
Winst/verlies (-) van de periode - - - 16.693 - - - - 16.693 348 17.041
Kasstroomafdekkingen, bruto - - - - -5.321 - - - -5.321 - -5.321
Uitgestelde belastingen op
kasstroomafdekkingen
- - - - 1.809 - - - 1.809 - 1.809
Omrekeningsverschillen - - - - - -2.489 - - -2.489 -51 -2.540
Herwaardering van de nettoverplichting
uit hoofde van toegezegde - - - - - - - -2.506 -2.506 - -2.506
pensioenrechten, bruto
Uitgestelde belasting op herwaardering
van de nettoverplichting uit hoofde van - - - - - - - 706 706 - 706
toegezegde pensioenrechten
Reële waardereserve - - - - - - 87 - 87 - 87
Niet-gerealiseerde resultaten - - - - -3.512 -2.489 87 -1.801 -7.714 -51 -7.765
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten van de periode
- - - 16.693 -3.512 -2.489 87 -1.801 8.979 296 9.275
Kapitaalverhoging 190.546 -11.376 - - - - - - 179.170 - 179.170
Wijzigingen in consolidatiekring en
andere wijzigingen
- 314.950 - -289 - - - - 314.661 3.356 318.017
Balans op 31 maart 2016 288.392 317.882 - 120.271 -3.900 -4.357 87 -1.801 716.574 11.718 728.292

GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT

Geconsolideerd kasstroomoverzicht Toelichting
(*)
AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
GELDMIDDELEN, KASEQUIVALENTEN EN NEGATIEVE BANKSALDI,
OPENINGSBALANS
6.10. 137.949 20.506
KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN (A) 192.206 218.257
EBIT
Betaalde winstbelastingen
5.6. 73.402
-10.170
73.230
-15.518
Aanpassingen
Reële waarde aanpassingen biologische activa
Winst op voordelige acquisitie
6.4. 54.390
-939
-
34.447
-1.455
-18.252
Afschrijvingen immateriële vaste activa
Afschrijvingen en waardeverminderingen materiële vaste activa
Waardeverminderingen op voorraden/handelsvorderingen
6.3.
6.1.
14.674
49.022
102
15.562
39.112
3.568
Toename/afname (-) in voorzieningen voor overige kosten en
schulden en voorzieningen m.b.t. pensioenen en soortgelijke rechten
Meer (-)/minderwaarde op verkoop van materiële vaste activa
6.14.,6.15. -8.235
-686
-4.973
301
Aandeel in de winst/verlies (-) van de deelnemingen opgenomen
volgens de vermogensmutatiemethode
452 584
Toename (-) /afname in werkkapitaal
Toename (-)/afname in voorraden
Toename (-)/afname in handels- en overige vorderingen
Toename/afname (-) in handels- en overige schulden
6.8.
6.9.
6.17.
74.583
-4.946
65.676
13.854
126.098
17.566
-8.149
116.682
KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN (B) -43.009 -45.083
Aankopen (-)
Aankopen van immateriële en materiële vaste activa
Aankopen van dochterondernemingen/geassocieerde ondernemingen
-49.885
-44.922
-4.962
-61.532
-53.896
-7.636
Verkopen
Verkopen van immateriële en materiële vaste activa
Verkopen van dochterondernemingen/geassocieerde ondernemingen
6.875
2.051
4.824
16.449
9.393
7.056
KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN (C) -175.393 -52.501
Dividenduitkering
Kapitaalverhoging
Inkoop eigen aandelen
Terugbetaling (-) van lange en korte termijn schuldinstrumenten
Netto betaalde interesten
Overige financiële kosten
6.12.
6.12.
-8.875
-
-16.436
-85.935
-52.258
-11.889
-
25.584
-45.285
-26.261
-6.540
NETTO TOENAME IN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN (A+B+C) -26.196 120.673
Effect van wisselkoersfluctuaties 982 -3.231
GELDMIDDELEN, KASEQUIVALENTEN EN NEGATIEVE BANKSALDI,
EINDBALANS
6.10. 112.735 137.949

(*) De bijgevoegde toelichtingen maken een integraal deel uit van dit geconsolideerd kasstroomoverzicht.

TOELICHTINGEN BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

1. Algemene informatie

Greenyard (Euronext Brussels: GREEN), gevestigd in België te Sint-Katelijne-Waver, is een wereldwijde marktleider in verse en bereide groenten en fruit, bloemen en planten, logistieke diensten voor verse producten en groeimedia. De Groep, die het merendeel van de Europese retailers onder haar klanten telt, biedt klanten en leveranciers efficiënte en duurzame oplossingen via topproducten, marktleidende innovaties, operationele uitmuntendheid en uitstekende service. Greenyard heeft meer dan 9.000 medewerkers die werkzaam zijn in 25 landen over de hele wereld.

De geconsolideerde jaarrekening van Greenyard NV ('de Onderneming') en haar dochterondernemingen (samen, 'de Groep') voor het jaar eindigend op 31 maart 2017 werden goedgekeurd voor publicatie door de Raad van Bestuur op 5 juli 2017.

2. Voornaamste boekhoudprincipes

2.1. Presentatiebasis

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals aanvaard binnen de Europese Unie en met de wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften in België van toepassing. De geconsolideerde jaarrekening is opgemaakt op basis van de historische kost, behalve voor derivaten, biologische activa en financiële activa beschikbaar voor verkoop die gewaardeerd zijn aan reële waarde.

2.2. Wijzigingen in boekhoudprincipes en toelichtingen

Aanpassingen aan IFRS van kracht voor het huidige boekjaar

  • Verbeteringen aan IFRS (2012-2014) (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2016);
  • Aanpassingen aan IFRS 10, IFRS 12 en IAS 28 Beleggingsentiteiten: Toepassing van de consolidatievrijstelling (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2016);
  • Aanpassingen aan IFRS 11 Gezamelijke overeenkomsten Verwerking van overnames van deelnemingen in gezamelijke bedrijfsactiviteiten (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2016);
  • Aanpassingen aan IAS 1 Presentatie van de jaarrekening Initiatief rond informatieverschaffing (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2016);
  • Aanpassingen aan IAS 16 en IAS 38 Materiële en immateriële vaste activa Verduidelijking van aanvaardbare afschrijvingsmethoden (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2016);
  • Aanpassingen aan IAS 16 en IAS 41 Landbouw: Dragende Planten (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2016).

Voor de standaarden en interpretaties die van toepassing werden in de periode april 2016 - maart 2017, is de Groep van mening dat deze geen of een beperkt effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep. Aanpassingen in IAS 16 en IAS 41 hadden geen impact, aangezien de Groep enkel biologische activa (IAS 41) en geen dragende planten (IAS 16) bezit.

Nieuwe en gewijzigde IFRS welke nog niet van kracht zijn

De Groep heeft niet geopteerd voor de vervroegde toepassing in AY 16/17 van volgende nieuwe of gewijzigde standaarden en interpretaties, welke uitgevaardigd werden maar nog niet van kracht zijn op datum van de goedkeuring van de geconsolideerde jaarrekening:

  • Aanpassingen aan IFRS 2 Classificatie en waardering van op aandelen gebaseerde betalingstransacties (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2018, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie);
  • Aanpassingen aan IAS 7 Het kasstroomoverzicht Initiatief rond informatieverschaffing (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2017, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie);
  • Aanpassingen aan IAS 12 Winstbelastingen Opname van uitgestelde belastingvorderingen voor niet-gerealiseerde verliezen (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2017, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie).
  • Aanpassingen aan IAS 40 Overdrachten van vastgoedbeleggingen (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2018, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie);
  • IFRIC 22 Transacties in vreemde valuta en vooruitbetalingen (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2018, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie);

Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS 2014-2016 (uitgegeven in december 2016) (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2017 voor de wijzigingen aan IFRS 12 en vanaf 1 januari 2018 voor de wijzigingen aan IFRS 1 en IAS 28, maar nog niet goedgekeurd binnen de Europese Unie);

Op dit ogenblik verwacht de Groep niet dat de eerste toepassing van deze standaarden in interpretaties een beduidend effect zullen hebben op de jaarrekening van de Groep tijdens de periode van eerste toepassing, behalve voor:

  • IFRS 9 Financiële Instrumenten (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 januari 2018) is de standaard die werd uitgevaardigd in het kader van een breder project ter vervanging van IAS 39. IFRS 9 introduceert een logische benadering voor de classificatie van financiële activa gebaseerd op de kasstroomkarakteristieken en het ondernemingsmodel waarbinnen het actief wordt aangehouden. Het definieert een nieuw bijzonder waardeverminderingsverlies model gebaseerd op verwachte verliezen dat een tijdigere opname zal vereisen van verwachte kredietverliezen en introduceert een substantieel gewijzigd model voor boekhoudkundige afdekking met verbeterde toelichtingen omtrent risicobeheer. Het nieuwe model voor boekhoudkundige afdekking is een belangrijke herziening van de huidige verwerking van boekhoudkundige afdekking dat de boekhoudkundige verwerking in lijn brengt met de risicobeheeractiviteiten. IFRS 9 verwijdert eveneens de volatiliteit in de winst- en verliesrekening die veroorzaakt werd door de wijzigingen in het kredietrisico van verplichtingen die aan reële waarde gewaardeerd werden.
  • IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten (van toepassing voor boekjaren vanaf 1 januari 2018). Het basisprincipe van de nieuwe standaard is de erkenning van opbrengsten bij overdracht van goederen en diensten aan klanten, waarbij het bedrag een weerspiegeling is van de vergoeding (zijnde, de betaling) waarop de onderneming verwacht recht te hebben in ruil voor deze goederen en diensten. De nieuwe standaard zal ook resulteren in verbeterde toelichtingen over de opbrengsten, een leidraad geven voor transacties die in het verleden niet uitvoerig werden aangepakt (bijvoorbeeld opbrengsten uit dienstverlening en contractuele wijzigingen) en de richtlijnen voor overeenkomsten met verschillende onderdelen verbeteren.
  • IFRS 16 Leaseovereenkomsten (van toepassing voor boekjaren vanaf 1 januari 2019, nog niet goedgekeurd door de Europese Unie) vervangt de bestaande vereisten voor de boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten en zal resulteren in een belangrijke wijziging in het boeken en rapporteren van leaseovereenkomsten voorheen geclassificeerd als operationele leaseovereenkomsten. De nieuwe standaard zal leiden tot de erkenning van meer activa en schulden in de balans en een nieuwe erkenningsmethode voor leasekosten.

De Groep is de impact van de bovenstaande standaarden aan het analyseren en beoordelen, momenteel kan er geen schatting worden gegeven.

2.3. Basis van consolidatie

Dochterondernemingen

De geconsolideerde jaarrekening bevat de gegevens van de Onderneming en van entiteiten gecontroleerd door de Onderneming en hun dochterondernemingen. De Groep heeft zeggenschap over een entiteit als de Groep:

  • macht heeft over de entiteit,
  • blootgesteld is aan, of recht heeft op, de variabele opbrengsten van de entiteit en
  • de mogelijkheid heeft om haar macht te gebruiken om de opbrengsten te beïnvloeden.

De Groep neemt alle relevante factoren en omstandigheden in rekening bij de beoordeling of men al dan niet controle heeft over de entiteit.

De consolidatie van een dochteronderneming begint vanaf de datum van verwerving van zeggenschap door de Groep en stopt wanneer de Groep de zeggenschap over de dochteronderneming verliest.

Winst en verlies en alle componenten van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten zijn toegerekend aan de aandeelhouders van de Groep en de minderheidsbelangen, ook als dit resulteert in een negatief saldo voor de minderheidsbelangen.

Wanneer nodig worden de jaarrekeningen van dochterondernemingen aangepast om hun boekhoudprincipes consistent te maken met de boekhoudprincipes van de Groep. Alle intragroep activa en verplichtingen, eigen vermogen, opbrengsten, kosten en kasstromen afkomstig van transacties tussen groepsondernemingen worden volledig geëlimineerd.

Wijzigingen in het aandeelhouderschap in dochterondernemingen, waarbij de Groep de zeggenschap niet verliest, worden verwerkt als eigenvermogenstransacties. Daarbij worden de nettoboekwaardes van de belangen van de Groep en van minderheidsbelangen aangepast aan de gewijzigde participatieverhoudingen in deze dochterondernemingen. Verschillen tussen de aanpassing van de minderheidsbelangen en de reële waarde van de betaalde of ontvangen overnamevergoeding worden rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen en toegerekend aan de aandeelhouders van de Groep.

Wanneer de Groep de zeggenschap over een dochteronderneming verliest worden de betrokken activa (inclusief goodwill), verplichtingen, minderheidsbelangen en andere componenten van eigen vermogen niet langer opgenomen, terwijl het daaruit voortvloeiende resultaat wordt opgenomen in winst of verlies. Enige overgebleven investering wordt gewaardeerd aan reële waarde.

Bij bedrijfscombinaties worden activa en schulden initieel gewaardeerd tegen reële waarde. De kostprijs van een overname wordt bepaald als de som van de betaalde vergoeding, welke de reële waarde op de overnamedatum is, en het bedrag van minderheidsbelangen in de overgenomen partij.

Uitgaven in verband met de overname worden opgenomen in de administratiekosten zodra ze zich voordoen. Wanneer de Groep een bedrijf aankoopt, beoordeelt ze de financiële activa en verplichtingen voor de juiste classificatie en benaming in overeenstemming met de contractuele voorwaarden, economische omstandigheden en relevante omstandigheden op de overnamedatum.

Elke voorwaardelijke vergoeding over te dragen door de overnemende partij zal worden gewaardeerd tegen reële waarde op de overnamedatum. Wijzigingen in de reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding die als aanpassingen in de waarderingsperiode in aanmerking komen, worden met terugwerkende kracht aangepast, met bijbehorende aanpassingen tegen goodwill. Aanpassingen gedurende de waarderingsperiode kunnen tot stand komen door bijkomende informatie verkregen in de waarderingsperiode (die niet langer dan één jaar vanaf de overnamedatum mag zijn) over feiten en omstandigheden die reeds bestonden op de overnamedatum. Latere wijzigingen in de reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding die niet in aanmerking komen als waarderingsperiode aanpassingen en worden beschouwd als een actief of verplichting, worden opgenomen, hetzij in de winst- en verliesrekening of als een wijziging in de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten. Een voorwaardelijke vergoeding die wordt geclassificeerd als eigen vermogen, wordt niet geherwaardeerd op latere balansdata en de daaropvolgende afwikkeling wordt opgenomen binnen het eigen vermogen.

Goodwill wordt initieel gewaardeerd als het overschot van het totaal van de overgedragen vergoeding en het bedrag opgenomen aan minderheidsbelangen en eventuele eerdere belangen gehouden in de verworven netto identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen. Als de reële waarde van de verworven netto-activa groter is dan de totale overgedragen vergoeding herbeoordeelt de Groep of het correct alle verworven activa en overgenomen verplichtingen heeft geïdentificeerd en beoordeelt de procedures die werden gebruikt om de bedragen te waarderen op de overnamedatum. Als de herbeoordeling nog steeds leidt tot een teveel van de reële waarde van de verworven netto-activa over de totale overgedragen vergoeding, dan wordt de winst opgenomen in de winst- en verliesrekening als een winst op voordelige acquisitie.

Wanneer een bedrijfscombinatie tot stand komt in stappen, dan wordt het voorheen aangehouden deel van de Groep in het eigen vermogen van de overgenomen vennootschap geherwaardeerd aan de reële waarde op overnamedatum (dit is de datum waarop de Groep controle verkrijgt) en worden mogelijke winsten of verliezen opgenomen in de winst- en verliesrekening. Bedragen met betrekking tot belangen in de overgenomen partij vóór de overnamedatum die voorheen rechtstreeks opgenomen werden in het eigen vermogen, worden overgedragen naar de winst- en verliesrekening indien dat ook van toepassing zou zijn bij afstoting van de betreffende belangen.

Investeringen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen

Een geassocieerde onderneming is een onderneming waarin de Groep een invloed van betekenis uitoefent. Een invloed van betekenis is de macht om deel te nemen in financiële en operationele beleidsbeslissingen van de deelneming, maar is geen controle of gezamenlijke controle over deze beleidsbeslissingen.

Een joint venture is een gezamenlijke overeenkomst waarbij de partijen, die gezamenlijke controle hebben over de overeenkomst, recht hebben op de netto-activa van de gezamenlijke overeenkomst. Gezamenlijke controle is het contractueel afgesproken delen van de controle van een overeenkomst, die slechts bestaat wanneer beslissingen over de relevante activiteiten de unanieme goedkeuring vereisen van de partijen die de zeggenschap delen.

De investeringen van de Groep in de geassocieerde ondernemingen en joint ventures worden verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode. Volgens de vermogensmutatiemethode worden investeringen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen aanvankelijk tegen kostprijs opgenomen en vervolgens aangepast om rekening te houden met de wijziging van het aandeel van de Groep in de netto-activa van de deelneming na overname. Goodwill met betrekking tot de geassocieerde onderneming of joint venture wordt opgenomen in de boekwaarde van de investering.

De winst- en verliesrekening bevat het aandeel van de Groep in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Elke wijziging in de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten van deze investeringen wordt gepresenteerd als onderdeel van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten van de Groep. Bovendien neemt de Groep haar aandeel van eventuele wijzigingen die rechtstreeks in het eigen vermogen van de geassocieerde onderneming of joint venture werd opgenomen, ook op in het mutatieoverzicht van het eigen vermogen, indien van toepassing. Niet-gerealiseerde winsten en verliezen die voortvloeien uit transacties tussen de Groep en de geassocieerde onderneming of joint venture worden geëlimineerd naar rato van het belang in de geassocieerde onderneming of joint venture.

Het totaal van het aandeel van de Groep in de winst of het verlies van de geassocieerde onderneming of joint venture wordt getoond in de winst- en verliesrekening in EBIT, dit vertegenwoordigt de winst of het verlies na belastingen en minderheidsbelangen in de dochterondernemingen van de geassocieerde onderneming of joint venture.

De jaarrekeningen van de geassocieerde ondernemingen of joint ventures worden opgesteld voor dezelfde rapporteringsperiode als de Groep. Indien nodig, worden de boekhoudprincipes aangepast om deze in lijn te brengen met deze van de Groep.

Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen van een geassocieerde onderneming of joint venture groter is dan het belang van de Groep in die geassocieerde onderneming of joint venture wordt dit verschil niet uitgedrukt, tenzij de Groep bijkomende juridische of feitelijke verplichtingen heeft aangegaan of betalingen heeft verricht namens deze geassocieerde onderneming of joint venture.

Bij verlies van aanzienlijke invloed over de geassocieerde onderneming of gezamenlijke zeggenschap over de joint venture, waardeert en erkent de Groep elke aangehouden investering aan reële waarde. Elk verschil tussen de boekwaarde van de geassocieerde onderneming of joint venture op het moment van verlies van significante invloed of gezamenlijke controle en de reële waarde van de aangehouden investering en de opbrengsten van de verkoop wordt opgenomen in de winst of het verlies.

2.4. Samenvatting van de belangrijkste boekhoudprincipes

Vreemde valuta

A. Transacties in vreemde valuta

Transacties in vreemde valuta worden geboekt tegen de wisselkoersen die gelden op datum van de transactie. Monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta worden omgerekend aan de slotkoersen van kracht op balansdatum. Winsten en verliezen die voortvloeien uit de afwikkeling van transacties in vreemde valuta en uit de omrekening van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Niet-monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta worden omgerekend tegen de wisselkoers geldend op datum van de transactie.

Wisselkoerswinsten en -verliezen betreffende leningen, geldmiddelen en kasequivalenten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen onder financieel resultaat. Alle overige wisselkoerswinsten en -verliezen worden in de winst- en verliesrekening gepresenteerd in EBIT.

B. Omrekening van de resultaten en financiële positie van buitenlandse activiteiten

Activa en verplichtingen van buitenlandse activiteiten worden omgerekend naar euro aan de wisselkoersen geldend op de balansdatum. De winst- en verliesrekeningen van buitenlandse activiteiten worden omgerekend naar euro aan gemiddelde jaarkoersen die de wisselkoersen van toepassing op de data van de transacties benaderen. De componenten van het eigen vermogen worden aan historische koers omgerekend. De wisselkoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van het eigen vermogen aan de koers op balansdatum, worden geboekt in de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten (gecumuleerde omrekeningsverschillen). Wanneer de buitenlandse entiteit geen volledige eigendom is van de Groep, wordt het relevante proportionele deel van de omrekeningsverschillen toegewezen aan de minderheidsbelangen. Bij de verkoop van een buitenlandse activiteit worden alle omrekeningsverschillen in het eigen vermogen ten aanzien van die activiteit die aan de aandeelhouders van de Groep worden toegerekend, geherclassificeerd naar de winst- en verliesrekening.

C. Wisselkoersen

Slotkoers
AY 15/16 AY 15/16
31 maart 2017 31/03/2016 AY 16/17 - 12 maanden - 9,5 maanden
1 USD = € 0,9354 € 0,8783 € 0,9112 - € 0,9051
1 GBP = € 1,1689 € 1,2633 € 1,1886 € 1,3655 € 1,3616
1 RUB = € 0,0166 € 0,0131 € 0,0144 - € 0,0136
1 PLN = € 0,2366 € 0,2349 € 0,2298 € 0,2366 € 0,2348
1 BRL = € 0,2959 € 0,2429 € 0,2761 € 0,2548 € 0,2451
1 CZK = € 0,0370 € 0,0370 € 0,0370 - € 0,0369
1 CLP = € 0,0014 € 0,0013 € 0,0014 - € 0,0013
1 HUF = € 0,0033 € 0,0032 € 0,0032 € 0,0032 € 0,0032
1 PEN = € 0,2896 € 0,2669 € 0,2828 - € 0,2791

De voornaamste wisselkoersen die werden gebruikt bij het opstellen van de jaarrekening zijn:

Immateriële vaste activa

A. Onderzoek en ontwikkeling

Kosten voor onderzoeksactiviteiten, uitgevoerd met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis en inzichten, worden als kosten in de winst- en verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen. Kosten voor ontwikkelingsactiviteiten, waarbij de resultaten van het onderzoek worden toegepast in een plan of een ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen, worden geactiveerd indien het product of het proces technisch en commercieel uitvoerbaar is, indien toekomstige economische voordelen waarschijnlijk zijn en indien de onderneming voldoende middelen ter beschikking heeft voorafgaandelijk aan de voltooiing van de ontwikkeling. De geactiveerde kost omvat de kosten van grondstoffen, directe loonkosten en een evenredig deel van de overheadkosten. Andere uitgaven voor ontwikkeling worden als kost in de winst- en verliesrekening opgenomen op het moment dat deze zich voordoen. Geactiveerde uitgaven voor ontwikkeling worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen.

B. Software en licenties

Aangekochte software en licenties worden gewaardeerd aan aankoopprijs, verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en de waardeverminderingen. Kosten voor intern ontwikkelde software worden geactiveerd wanneer deze kosten betrekking hebben op ontwikkelingskosten. Anders worden ze als kosten opgenomen in de winst- en verliesrekening zodra ze zich voordoen. Software en licenties met een bepaalde gebruiksduur worden lineair afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur.

C. Klantenrelaties

De klantenrelaties verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd aan de reële waarde op de aankoopdatum. De reële waarde wordt bepaald op basis van een extern waarderingsverslag. Na de initiële opname worden de klantenrelaties opgenomen aan kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingen.

D. Veengronden

De goedgunstige huurcomponent gerelateerd aan veengronden die in een bedrijfscombinatie worden verworven, wordt aanvankelijk gemeten op de datum van de overname als de verdisconteerde (over de levensduur van de huurcontracten) variantie tussen de markthuur op de datum van de overname en de contractuele huur. De markthuur van de veengronden wordt bepaald op basis van openbaar beschikbare informatie (inclusief offertes). Na de eerste erkenning worden de goedgunstige huurcomponenten gerelateerd aan gehuurde veengronden opgenomen tegen kostprijs verminderd met eventuele gecumuleerde afschrijvingen. Goedgunstige huurcomponenten gerelateerd aan gehuurde veengronden worden afgeschreven over de resterende levensduur van de huurcontracten.

Item Jaren Methode
Software en licenties 3-5 Lineair
Klantenrelaties 15-25 Lineair
Goedgunstige huurcomponent veengronden Individuele basis (gebaseerd Lineair
op de contractuele looptijd)

De boekwaarde van immateriële vaste activa wordt op elke balansdatum beoordeeld om na te gaan of er aanwijzingen zijn dat deze activa aan een bijzondere waardevermindering onderhevig zouden kunnen zijn. Indien dergelijke aanwijzingen bestaan, dient de realiseerbare waarde van het actief te worden geschat om het bedrag van de bijzondere waardevermindering te bepalen.

Goodwill

In overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties wordt goodwill gewaardeerd aan kostprijs en niet afgeschreven maar wel onderworpen aan een jaarlijkse test op bijzondere waardeverminderingen. Deze test wordt eveneens uitgevoerd wanneer er een aanwijzing is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering van de kasstroomgenererende eenheid waaraan goodwill toegewezen werd. De boekwaarde van de goodwill wordt vergeleken met de realiseerbare waarde, welke de hoogste is van de bedrijfswaarde en de reële waarde minus de verkoopkosten.

Biologische activa

De Groep teelt en koopt narcissenbollen in de Cornwall regio in het Verenigd Koninkrijk. Deze bloembollen worden geplant en brengen jaarlijks een bloem voort, die geoogst en verkocht wordt. De bloembollen en bloemen worden beschouwd als biologische activa en vallen binnen het toepassingsgebied van IAS 41 Landbouw. De bloembollen vermenigvuldigen zichzelf elke vijf jaar, het zogenaamde 'vermenigvuldigingseffect'. De bloembollen worden niet als dragende planten beschouwd, aangezien het een gangbare praktijk is om de bloembollen elk jaar te verkopen als bloembollen.

De meest geschikte en representatieve methode om de reële waarde in overeenstemming met IAS 41 Landbouw te bepalen is de netto contante waarde ('net present value') van de bloembollen gehouden voor productie. De Groep heeft, op basis van historische informatie, een duidelijke rapportering van de winstgevendheid van eigen productie en aangekochte productie opgezet. Dit laat de Groep toe om duidelijke vooruitzichten voor toekomstige prestaties op te stellen en een meer consistente benadering te implementeren die toelaat een netto contante waarde ('net present value') berekening te gebruiken om de reële waarde van de activa te berekenen.

Een winst of verlies ontstaan uit een wijziging in de reële waarde minus verkoopkosten van een biologisch actief wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening in de periode waarin ze voortkomen. Landbouwkosten zoals het dagelijks onderhoud van de bloembollen worden in kost genomen.

Materiële vaste activa

De Groep heeft geopteerd voor het historische kostprijsmodel en niet voor het herwaarderingsmodel. Afzonderlijk verworven materiële vaste activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Materiële vaste activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen hun reële waarde, die vanaf dan geldt als hun kostprijs. Na hun initiële opname worden materiële vaste activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat alle directe kosten en uitgaven die opgelopen werden om het actief op de locatie en in de staat te brengen die noodzakelijk is om op de beoogde wijze te functioneren. Financieringskosten die direct toewijsbaar zijn aan de verwerving, bouw of productie van een in aanmerking komend actief worden geactiveerd als deel van de kost van dat actief. Materiële vaste activa worden lineair afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur, naargelang van hun categorie.

De gebruiksduur en de afschrijvingsmethode worden minstens op het einde van elk boekjaar opnieuw geëvalueerd.

Item Jaren Methode
Gebouwen in eigendom 18 - 40 Lineair
Gebouwen in eigendom - Verbeteringen 5 - 25 Lineair
Gebouwen in leasing - Structurele verbeteringen 18 - 40 Lineair
Gebouwen in leasing - Verbeteringen 5 - 25 Lineair
Verbeteringen aan de terreinen 3 - 13 Lineair
Installaties, machines en uitrusting 3 - 15 Lineair
Motorvoertuigen 3 - 10 Lineair
Hardware 3 - 5 Lineair
Meubilair 3 - 10 Lineair

Investeringssubsidies met betrekking tot de aankoop van materiële vaste activa worden in mindering gebracht van de kostprijs van de betrokken activa. Het verwachte bedrag wordt in de balans opgenomen op het ogenblik van de initiële goedkeuring en, indien nodig, achteraf gecorrigeerd bij de definitieve toekenning. De subsidie wordt afgeschreven over dezelfde periode als de materiële vaste activa waarvoor de subsidie verkregen werd.

De boekwaarde van materiële vaste activa wordt per balansdatum beoordeeld om te bepalen of er sprake is van een bijzondere waardevermindering. Indien er een dergelijke indicatie bestaat, wordt het realiseerbare bedrag van het actief geraamd om het bedrag van de bijzondere waardevermindering te bepalen.

Leasing als huurder

Leasing van materiële vaste activa waarbij de Groep de voordelen en de risico's verbonden aan het eigendom substantieel overneemt, wordt beschouwd als financiële leasing. Financiële leasingcontracten worden als activa en verplichtingen (rentedragende leningen) in de balans opgenomen aan de reële waarde op het moment van het aangaan van de leasingovereenkomst of, indien deze lager is, aan de contante waarde van de minimale leasingbetalingen. Wat de afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen voor afschrijfbare geleasede activa betreft, gelden dezelfde regels als bij afschrijfbare activa in eigendom.

Elke aflossing wordt opgesplitst in een terugbetaling van de leasingschuld en een betaling van rente, volgens een verhouding die ervoor zorgt dat er over de volledige looptijd een constante rentelast ontstaat in vergelijking met het openstaand kapitaal.

Leasing van activa waarbij de voordelen en de risico's substantieel bij de leasinggever blijven, wordt beschouwd als operationele leasing. De betalingen die voor operationele leasing worden uitgevoerd, worden lineair over de duur van de overeenkomst ten laste van de winst- en verliesrekening genomen.

Financiële activa

De Groep classificeert haar financiële activa in volgende categorieën: tegen reële waarde via het resultaat, leningen en vorderingen en beschikbaar voor verkoop. De classificatie hangt af van de bedoeling waarmee de financiële activa werden aangeschaft. Het management legt de classificatie van financiële activa vast bij hun initiële opname.

A. Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat (RWVR)

Financiële activa worden geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat als ze aangehouden worden voor handelsdoeleinden. Financiële activa tegen RWVR worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende inkomsten of kosten in het resultaat opgenomen worden. Een financieel actief wordt in deze categorie ondergebracht als het voornamelijk aangeschaft werd om het op korte termijn te verkopen. Derivaten behoren ook tot de categorie tegen RWVR, tenzij ze aangemerkt werden en effectief zijn als afdekking.

B. Leningen en vorderingen

Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële instrumenten met vaste of bepaalbare betalingen die niet genoteerd worden in een actieve markt. Tot de categorie leningen en vorderingen van de Groep behoren – tenzij anders vermeld – volgende balanselementen: handelsvorderingen en overige vorderingen, ontvangen bankwissels, korte termijn deposito's en geldmiddelen en kasequivalenten. Leningen en vorderingen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode, na aftrek van bijzondere waardeverminderingen.

Een schatting van de dubieuze vorderingen wordt gemaakt op de balansdatum op basis van een evaluatie van alle uitstaande bedragen. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op handels- en overige vorderingen wordt opgenomen indien er twijfel bestaat over de inbaarheid van deze vorderingen. Een vordering wordt als dubieus aanzien wanneer er objectieve bewijzen bestaan dat de onderneming niet in staat zal zijn om de volledige vordering te innen. Belangrijke financiële problemen bij de schuldenaar, de mogelijkheid dat schuldenaar het faillissement aanvraagt of een financiële reorganisatie ondergaat, een staking of opschorting van betaling, worden aanzien als indicatoren van het mogelijk dubieus zijn van een vordering. Het bedrag van de bijzondere waardevermindering wordt berekend als het verschil tussen de waarde van de vordering op balansdatum en de reële waarde van de geschatte toekomstige kasstromen. De bijzondere waardeverminderingen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening, evenals terugnames van vroegere bijzondere waardeverminderingen.

C. Financiële activa beschikbaar voor verkoop

Vaste activa beschikbaar voor verkoop omvatten deelnemingen in entiteiten die niet in de eerste plaats aangeschaft werden om ze op korte termijn te verkopen, en die noch integraal, noch volgens de vermogensmutatiemethode geconsolideerd worden. Activa in deze categorie worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende opbrengsten en kosten rechtstreeks in het eigen vermogen worden opgenomen. Zij worden echter tegen kostprijs gewaardeerd als er geen prijsnotering in een actieve markt voorhanden is en als hun reële waarde niet op een betrouwbare manier bepaald kan worden met behulp van alternatieve waarderingsmethoden.

Bijzondere waardeverminderingen

Financiële activa worden op elke balansdatum beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat deze activa aan een bijzondere waardevermindering onderhevig zouden kunnen zijn. Financiële activa worden verondersteld onderhevig te zijn aan een bijzondere waardevermindering indien er objectief bewijs is dat, als gevolg van één of meer gebeurtenissen na hun initiële herkenning, de geschatte toekomstige kasstromen van de investering zijn gedaald.

Op iedere balansdatum worden de niet-financiële activa, met uitzondering van goodwill en eigen-vermogensinstrumenten aangehouden voor verkoop, die een bijzonder waardeverminderingsverlies ondergingen op een eventuele terugname van het bijzonder waardeverminderingsverlies beoordeeld. De toegenomen boekwaarde van een actief, veroorzaakt door de terugname van een bijzonder waardeverminderingsverlies, mag niet hoger zijn dan de boekwaarde (na afschrijvingen) die verkregen zou zijn indien in voorgaande periodes geen bijzonder waardeverminderingsverlies voor het actief zou zijn geboekt.

Voorraden

Voorraden worden gewaardeerd aan kostprijs of aan realiseerbare waarde indien deze lager is. De kostprijs omvat de initiële aankoopprijs vermeerderd met andere directe aanschaffingskosten om de voorraden op hun huidige locatie en in hun huidige staat te brengen. De FIFO-methode (first-in, first-out) wordt toegepast om de kostprijs van de voorraden te bepalen.

De kostprijs voor afgewerkte producten en goederen in bewerking omvat de gebruikte grondstoffen, de andere productiematerialen, de directe loon- en andere kosten, alsook een toewijzing van vaste en variabele overheadkosten gebaseerd op de normale capaciteit van de productiefaciliteiten. De realiseerbare waarde wordt gedefinieerd als de geschatte verkoopprijs in het kader van de normale bedrijfsvoering, verminderd met zowel de geschatte kosten van voltooiing als de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.

Waardeverminderingen op voorraden worden geval per geval beoordeeld en geboekt indien de verwachte realiseerbare waarde onder de boekwaarde daalt. De berekening van de verwachte realiseerbare waarde houdt rekening met de specifieke karakteristieken van iedere voorraadcategorie waaronder de vervaldatum, ultieme datum van aanbieding in winkels en indicaties die wijzen op een lage rotatie.

Geldmiddelen en kasequivalenten

Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten geld en investeringen met een looptijd van minder dan drie maanden op het moment van afsluiten die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen. Ze worden gewaardeerd aan nominale waarde die de reële waarde benadert. In het kasstroomoverzicht worden geldmiddelen en kasequivalenten na aftrek van de negatieve banksaldi weergegeven.

Eigen vermogen

A. Inkoop van eigen aandelen

Wanneer de Groep haar eigen aandelen inkoopt, wordt de hiervoor betaalde vergoeding, inclusief de rechtstreeks toerekenbare kosten, geboekt als een vermindering van het eigen vermogen in de rubriek eigen aandelen. Het resultaat gerealiseerd op de verkoop of vernietiging van eigen aandelen wordt opgenomen in het overgedragen resultaat.

B. Dividenden

Dividenden worden opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening op datum van toekenning.

C. Kosten van uitgifte aandelen

Kosten (na belastingen) die betrekking hebben op de uitgifte van nieuwe aandelen of opties worden rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen.

Voorzieningen

Een voorziening wordt opgenomen als (i) de onderneming een bestaande (in rechte afdwingbare of feitelijke) verplichting heeft ten gevolge van een gebeurtenis in het verleden; (ii) het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen vereist zal zijn om de verplichting af te wikkelen; en (iii) het bedrag van de verplichting op betrouwbare wijze kan worden geschat. Het bedrag van de voorziening is de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting vereist zullen zijn om de verplichting af te wikkelen. De disconteringsvoet vóór belastingen houdt rekening met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van het geld en de risico's die inherent zijn aan de verplichting.

A. Herstructurering

Een voorziening voor herstructurering wordt aangelegd wanneer de Groep een gedetailleerd en geformaliseerd herstructureringsplan heeft goedgekeurd en wanneer de herstructurering ofwel werd aangevat ofwel publiek werd bekend gemaakt. Voor kosten die betrekking hebben op de normale activiteiten van de Groep worden geen voorzieningen aangelegd.

B. Verlieslatende contracten

Een voorziening voor een verlieslatend contract wordt aangelegd wanneer de te ontvangen economische voordelen voor de Groep lager liggen dan de onvermijdelijke kost die voortvloeit uit de contractuele verbintenis. Een dergelijke voorziening wordt opgenomen tegen de contante waarde van de laagste van de kosten die nodig zijn om het contract te beëindigen en de kosten om het contract na te leven.

C. Hangende geschillen

Een voorziening voor hangende geschillen wordt aangelegd wanneer het meer waarschijnlijk is dan niet dat de Groep toekomstige betalingen zal moeten verrichten als gevolg van gebeurtenissen uit het verleden. Dergelijke posten omvatten maar zijn niet beperkt tot claims, milieu-aangelegenheden, sociale geschillen en claims van de belastingdiensten.

D. Ontmanteling

Een voorziening voor ontmanteling wordt aangelegd wanneer de Groep de verplichting heeft om het gebouw te ontmantelen aan het einde van de leaseovereenkomst.

Personeelsbeloningen

A. Toegezegde bijdrageplannen ('defined contribution plans')

De bijdragen van de Groep tot deze pensioenplannen worden opgenomen als een kost in de winst- en verliesrekening wanneer ze zich voordoen. Een toegezegd bijdrageplan is een pensioenplan waarbij de Groep een vaste bijdrage afdraagt aan een fonds. Verder heeft de Groep geen enkele bijkomende wettelijke verplichting indien het fonds niet over voldoende activa beschikt om de werknemers uit te betalen met betrekking tot het huidige en de vroegere dienstjaren.

De Belgische toegezegde bijdrageplannen zijn bij wet verplicht om een minimumrendement te garanderen. Bijgevolg werden deze plannen geclassificeerd als toegezegde pensioenplannen en leiden tot het erkennen van een netto toegezegde pensioenverplichting.

B. Toegezegde pensioenplannen ('defined benefit plans')

Een toegezegd pensioenplan is een pensioenplan dat geen toegezegd bijdrageplan is. Typisch voor toegezegde pensioenplannen is het vaste bedrag van het pensioenvoordeel dat een werknemer krijgt bij uitdiensttreding, meestal afhankelijk van één of meer factoren zoals leeftijd, aantal dienstjaren en verloning. Voor dit type pensioenplan worden de kosten per pensioenplan afzonderlijk geschat op basis van de 'projected unit credit'-methode. Deze methode beschouwt elke dienstperiode als een eenheid die recht geeft op een bijkomende eenheid pensioenvoordelen. Volgens deze methode worden de pensioenkosten ten laste genomen van de winst- en verliesrekening op zulke wijze dat de kost gespreid wordt over de nog te presteren diensttijd van de deelnemers, in overeenstemming met de adviezen van actuarissen die minstens driejaarlijks een volledige berekening maken van de pensioenplannen. De bedragen die ten laste genomen worden van de winst- en verliesrekening omvatten de kost van de dienstperiode, de interestkost (-opbrengsten), pensioenkosten van verstreken diensttijd en het effect van eventuele inperkingen of beëindiging van een regeling. Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden opgenomen op het ogenblik dat de wijziging/inperking plaatsvindt, of op het ogenblik dat de onderneming de daarmee verband houdende herstructurering- of ontslagvergoedingen opneemt, afhankelijk van welke gebeurtenis eerst plaatsvindt. De pensioenverplichtingen opgenomen in de balans worden berekend als zijnde de contante waarde van de geschatte toekomstige uitgaande kasstromen, berekend op basis van de rentevoet van hoogwaardige bedrijfsobligaties met een looptijd die de termijn van de pensioenverplichting benadert, verminderd met de reële waarde van betreffende fondsbeleggingen. Herwaardering, inclusief actuariële winsten en verliezen, het effect van het activaplafond (exclusief netto interesten) en het rendement uit fondsbeleggingen (exclusief netto interesten) worden integraal opgenomen in het overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten in de periode waarin ze zich voordoen. Herwaarderingen worden niet overgeboekt naar de winst- en verliesrekening in latere periodes.

C. Andere lange termijn personeelsbeloningen

Andere lange termijn personeelsbeloningen zoals jubileumpremies, worden verwerkt volgens de 'projected unit credit'-methode. De boekhoudkundige verwerking verschilt echter met die van de toegezegde pensioenplannen, omdat actuariële winsten en verliezen onmiddellijk opgenomen worden via het resultaat.

Rentedragende leningen

Rentedragende leningen worden initieel opgenomen aan reële waarde, verminderd met kosten verbonden aan de transactie. Vervolgens worden ze gewaardeerd aan afgeschreven kostprijs, wat betekent dat het verschil tussen het initieel opgenomen bedrag en de aflossingswaarde ten laste wordt genomen van de winst- en verliesrekening (in interestkost) over de periode van de lening op basis van de effectieve rentevoet.

Handels- en overige schulden

Handels- en overige schulden worden initieel opgenomen aan reële waarde en vervolgens tegen afgeschreven kostprijs op basis van de effectieve rentevoetmethode.

Derivaten, afdekking en afdekkingsreserve

De Groep gebruikt derivaten om valuta- en renterisico's af te dekken die voortvloeien uit bedrijfs-, financierings- en investeringsactiviteiten. Het nettorisico van alle dochterondernemingen van de Groep wordt centraal beheerd door het centraal thesauriedepartement in overeenstemming met de doelstellingen en regels die door het management vastgelegd werden. Het is het beleid van de Groep om geen speculatieve transacties of met vreemd vermogen gefinancierde transacties aan te gaan.

Derivaten worden initieel opgenomen en ook nadien gewaardeerd tegen reële waarde. De reële waarde van verhandelde derivaten is gelijk aan hun marktwaarde. Indien er geen marktwaarde beschikbaar is, wordt de reële waarde berekend op basis van gekende financiële waarderingsmodellen, gebaseerd op relevante marktkoersen op de balansdatum.

De Groep past 'hedge accounting' toe in overeenstemming met IAS 39 om de volatiliteit in de winst- en verliesrekening te beperken. Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico wordt een onderscheid gemaakt tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten.

Reëlewaardeafdekkingen zijn afdekkingen van het risico van veranderingen in de reële waarde van opgenomen activa en verplichtingen. De derivaten die aangemerkt werden als reëlewaardeafdekkingen worden gewaardeerd tegen reële waarde, en de waardering van hun afgedekte posities (activa of verplichtingen) wordt aangepast voor wijzigingen in reële waarde ten gevolge van het afgedekte risico. De overeenkomstige veranderingen in reële waarde worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Wanneer een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de 'hedge accounting' stopgezet en wordt de aanpassing aan de boekwaarde van het afgedekte rentedragende financieel instrument gradueel opgenomen in de winst- en verliesrekening tot op de vervaldag van de afgedekte positie.

Kasstroomafdekkingen zijn afdekkingen van de variabiliteit van toekomstige kasstromen die verband houden met opgenomen activa of verplichtingen, zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transacties, of het valutarisico op niet-opgenomen vaststaande toezeggingen. Veranderingen in de reële waarde van een afdekkingsinstrument dat voldoet als zeer effectieve kasstroomafdekking worden in het eigen vermogen opgenomen. Het niet-effectieve deel ervan wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ingeval de afgedekte kasstroom resulteert in de opname van een niet-financieel actief of verplichting, worden de voorheen in het eigen vermogen opgenomen gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt uit het eigen vermogen en opgenomen in de initiële waardering van de kostprijs of de boekwaarde van het actief of de verplichting. Bij alle andere kasstroomafdekkingen worden de gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt van de afdekkingsreserve naar de winst- en verliesrekening op het ogenblik dat de afgedekte vaststaande toezegging of de voorziene transactie resulteert in het opnemen van een winst of een verlies. Zodra een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de 'hedge accounting' prospectief stopgezet. In dit geval blijven de gecumuleerde winsten en verliezen op het afdekkingsinstrument opgespaard in het eigen vermogen tot de toegezegde of voorziene transactie zich voordoet. Wanneer verwacht wordt dat een voorziene transactie zich niet meer zal voordoen, worden de gecumuleerde winsten en verliezen overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening.

Indien een netto-investering in een buitenlandse entiteit wordt afgedekt, worden alle winsten en verliezen met betrekking tot het effectieve deel van het afdekkingsinstrument, samen met de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van de afgedekte investering, onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen. Winsten en verliezen op het niet-effectieve deel worden onmiddellijk opgenomen in de winst- en verliesrekening. De gecumuleerde winsten en verliezen als gevolg van de herwaardering van het afdekkingsinstrument die voorheen werden opgenomen in het eigen vermogen en de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van het afgedekte instrument worden enkel opgenomen in de winst- en verliesrekening bij afstoting van de investering.

Om te voldoen aan de vereisten in IAS 39 met het oog op de toepassing van 'hedge accounting', documenteert de Groep, bij het aangaan van de afdekking, de strategie en het doel van de afdekking, de relatie tussen het financieel instrument dat wordt gebruikt als afdekking en de afgedekte positie, en de verwachte (toekomstige) effectiviteit. De effectiviteit van bestaande afdekkingen wordt elk kwartaal opnieuw beoordeeld. Voor niet-effectieve afdekkingen wordt de 'hedge accounting' onmiddellijk stopgezet.

De Groep maakt ook gebruik van derivaten die niet voldoen aan de voorwaarden voor 'hedge accounting' in IAS 39, maar als effectieve economische afdekkingen fungeren volgens het risicobeheer van de Groep. Wijzigingen in de reële waarde van dergelijke derivaten worden onmiddellijk opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Winstbelastingen

Winstbelastingen op het resultaat van het boekjaar omvatten verschuldigde en uitgestelde belastingen. De belastingen worden geboekt in de winst- en verliesrekening tenzij ze betrekking hebben op transacties die direct in het eigen vermogen werden opgenomen. In dat geval worden de belastingen eveneens direct ten laste van het eigen vermogen geboekt.

Verschuldigde belastingen omvatten de verwachte belastingverplichting op het belastbaar inkomen van het jaar, alsook aanpassingen aan de belastingschulden van vorige jaren. Voor de berekening van de belastingen op het belastbaar inkomen van het jaar worden de belastingtarieven gebruikt waarvoor het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten. In overeenstemming met IAS 12 Winstbelastingen, worden uitgestelde belastingen geboekt op basis van balansmethode. Dit betekent dat uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingen opgenomen worden in de balans voor alle belastbare en aftrekbare verschillen tussen de belastbare basis van activa en passiva en hun boekwaarde. Volgens deze methode moet de Onderneming een verplichting voor uitgestelde belastingen aanleggen op het verschil tussen de reële waarde en de belastbare basis van activa en passiva verworven via een bedrijfscombinatie. IAS 12 schrijft voor dat er geen uitgestelde belastingen geboekt worden i) bij de initiële opname van goodwill; ii) bij de initiële opname van activa en verplichtingen in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en die geen invloed heeft op de boekhoudkundige of belastbare winst en iii) op verschillen met betrekking tot investeringen in dochterondernemingen in de mate dat een tegenboeking in de nabije toekomst onwaarschijnlijk is en in de mate dat de Onderneming controle heeft over de timing van de tegenboeking. Het opgenomen bedrag voor de uitgestelde belastingen is gebaseerd op de verwachte manier van realisatie of regeling van de betreffende activa en verplichtingen, en het daarbij horende belastingtarief waarvoor het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten.

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden netto voorgesteld indien er sprake is van een juridisch afdwingbaar recht om deze te compenseren met lopende fiscale verplichtingen en vorderingen, en indien zij betrekking hebben op belastingen geheven door dezelfde belastingadministratie op dezelfde belastbare entiteit, of op verschillende belastbare entiteiten die ofwel beogen om hun actuele belastingverplichtingen en- vorderingen op netto-basis te vereffenen, of om de vorderingen en de schulden tegelijk te vereffenen.

Uitgestelde belastingvorderingen, inclusief vorderingen voortvloeiend uit overgedragen verliezen, worden enkel opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat er voldoende toekomstige belastbare winsten zullen zijn om het belastingvoordeel te kunnen realiseren. Ze worden afgeboekt wanneer hun realisatie niet langer waarschijnlijk is.

Geschillen gerelateerd aan belastingen zijn in de balans opgenomen onder de voorzieningen.

Opbrengsten

Opbrengsten worden geboekt wanneer het waarschijnlijk is dat de economische voordelen verbonden aan de transactie naar de Groep zullen vloeien, op voorwaarde dat de opbrengsten op een betrouwbare wijze kunnen geschat worden.

Opbrengsten worden gewaardeerd aan de reële waarde van de vergoeding die is ontvangen of te ontvangen is.

De opbrengsten van de verkoop van verse fruit en groenten wordt gegenereerd door middel van verschillende bedrijfsmodellen. Fresh verkrijgt haar voorraad uit externe bronnen (met uitzondering van narcissen), waarvan de meerderheid rechtstreeks afkomstig is van telers. Voor al van haar beheerde bedrijfsmodellen worden goederen gekocht tegen marktprijzen of vooraf onderhandelde prijsklassen. In het algemeen worden de telers gecompenseerd op basis van de prijzen verkregen van de klanten, af en toe met een minimum gegarandeerde prijs (door goed gecontroleerde voorseizoen voorschotten aan de telers) of op basis van overeengekomen prijsklassen. Voor alle bedrijfsmodellen fungeert de Groep als principaal, aangezien de belangrijkste risico's verbonden aan de aan- en verkoop van de goederen door de Groep gedragen worden. Daarom zijn de bruto goederenstromen de basis voor de facturatie.

Bepaalde dochterondernemingen van Fresh hebben logistieke afspraken gemaakt met klanten, aan wie verwerkingskosten worden gefactureerd. De voorraden voor de klant worden geleverd en gecentraliseerd in de magazijnen van de Groep. De Groep is verantwoordelijk voor het magazijnbeheer en het transport van de voorraden naar de klant.

De verkoop van bevroren en bereide groenten en fruit is voornamelijk gebaseerd op contractueel overeengekomen prijzen, terwijl de verkochte volumes meestal op bestelling zijn.

Producten van Horticulture worden verkocht aan professionele gebruikers, tuincentra en retailers. Producten voor professionele gebruikers worden vaak op maat gemaakt en de prijzen zijn gebaseerd op de gewenste kwaliteit en volume van de klant. Verkoopcontracten met retailers worden jaarlijks of meerjaarlijks overeengekomen.

In het algemeen worden goederen en diensten gefactureerd zodra deze geleverd / gepresteerd zijn en worden de bedragen meteen opgenomen in de winst- en verliesrekening, zonder dat de fase van voltooiing wordt gemeten.

Overheidssubsidies worden opgenomen op het moment dat er redelijke zekerheid bestaat dat de Groep de aan de subsidies verbonden voorwaarden zal vervullen en de subsidies zullen worden ontvangen. Overheidssubsidies die de Groep compenseren voor gemaakte kosten worden opgenomen in de overige bedrijfsopbrengsten, op systematische basis in dezelfde periode als waarin de kosten gemaakt zijn.

Huurinkomsten worden lineair over de looptijd van de lease opgenomen in de overige bedrijfsopbrengsten.

Financieel resultaat

Interestenopbrengsten omvatten ontvangen of te ontvangen interesten op geïnvesteerde fondsen en worden geboekt wanneer ze verworven zijn (rekening houdend met de effectieve rentevoet van het actief) tenzij er twijfel bestaat over de invorderbaarheid.

Interestkosten omvatten interesten op rentedragende leningen, berekend volgens de effectieve rentevoetmethode, factoringinteresten en netto interesten op renteswapafwikkelingen. Alle interestkosten in verband met rentedragende leningen of financiële transacties worden als interestkosten geboekt wanneer ze zich voordoen. Verschillen tussen het initieel opgenomen bedrag en de aflossingswaarde van rentedragende leningen, zoals transactiekosten en aanpassingen aan reële waarde, worden ten laste genomen van de winst- en verliesrekening over de periode van de lening op basis van de effectieve rentevoet. De interestkosten met betrekking tot aflossingen van financiële leasing worden opgenomen in de winst- en verliesrekening op basis van de effectieve rentevoetmethode.

Het overige financieel resultaat omvat dividendopbrengsten, wisselkoerswinsten/-verliezen, netto winsten/verliezen uit renteswaps die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie, winsten/verliezen op voor handelsdoeleinden aangehouden financiële activa, netto reëlewaardewinsten/verliezen op de conversieoptie, alsook winsten/verliezen uit afdekkingsineffectiviteit.

Eénmalige kosten en opbrengsten

Eénmalige kosten en opbrengsten zijn die opbrengsten en kosten die naar het oordeel van het management moeten worden gerapporteerd op grond van hun omvang of aard. Deze items worden opgenomen in de geconsolideerde winst- en verliesrekening of afzonderlijk in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening. Transacties die aanleiding kunnen geven tot éénmalige opbrengsten en kosten zijn voornamelijk herstructureringsactiviteiten, bijzondere waardeverminderingen, winsten of verliezen op verkoop van investeringen, IFRS 3 boekhoudkundige verwerking van overnames en het effect van de versnelde aflossing van bepaalde schuldfaciliteiten.

Gebeurtenissen na balansdatum

Gebeurtenissen na balansdatum die bijkomende informatie verschaffen omtrent de situatie van de Groep op balansdatum ('adjusting events') worden verwerkt in de jaarrekening. Andere gebeurtenissen na balansdatum ('non-adjusting events') worden enkel vermeld in de toelichtingen als ze belangrijk geacht worden.

3. Cruciale beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden

Bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep is het management genoodzaakt om beoordelingen, schattingen en veronderstellingen over de boekwaarde van activa en verplichtingen te maken die niet onmiddellijk beschikbaar zijn uit enigerlei bronnen. Deze beoordelingen, schattingen en veronderstellingen worden voortdurend opnieuw geëvalueerd.

3.1. Cruciale beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving

Hierna volgen de cruciale beoordelingen, met uitzondering van deze die bestaan uit schattingen (zie toelichting 3.2. Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden) die een belangrijke invloed hebben op de gerapporteerde bedragen in deze geconsolideerde jaarrekening.

  • Gezien haar wereldwijde aanwezigheid is de Groep blootgesteld aan belastingrisico's in vele rechtsgebieden. Belastingautoriteiten in deze rechtsgebieden voeren geregeld belastingcontroles uit die kunnen leiden tot belastingbetwistingen. Hoewel de uitkomst van dergelijke belastingcontroles onzeker is, is het management ervan overtuigd dat de Groep, op basis van een globale evaluatie van potentiële belastingverplichtingen, voldoende belastingverplichtingen opgenomen heeft in haar geconsolideerde jaarrekening.
  • Toelichting 7.1. Dochterondernemingen, geassocieerde ondernemingen, joint ventures en investeringen geboekt aan kostprijs stelt dat de Groep 94% van de aandelen van Greenyard Fresh Germany bezit. Op basis van de overeenkomst getekend bij de verkoop van 6% van de aandelen, behoudt de Groep alle rechten tot vroegere en toekomstige resultaten van Greenyard Fresh Germany. Als gevolg hiervan wordt Greenyard Fresh Germany voor 100% geconsolideerd.

3.2. Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden

Hierna volgt een overzicht van de belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en de belangrijkste andere bronnen van schattingsonzekerheden op het einde van de verslagperiode die een risico inhouden op beduidende aanpassingen aan de boekwaarden van activa en verplichtingen in de komende verslagperiode.

  • De Groep herziet op iedere verslagdatum de geschatte gebruiksduur van (im)materiële vaste activa. Indien de verwachtingen verschillen van de vorige schattingen, worden de wijzigingen administratief verwerkt al een schattingswijziging;
  • Uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot overgedragen fiscale verliezen, fiscaal verrekenbare tegoeden en tijdelijke verschillen worden maar opgenomen in de mate dat het waarschijnlijk is dat er binnen afzienbare tijd toekomstige winst zal zijn. Bij deze inschatting neemt de Groep elementen in overweging zoals budgetten, langetermijnstrategieën en opportuniteiten voor belastingplanning (zie toelichting 5.6. Belastingen op het resultaat en 6.7. Uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen). Het corporate tax team, dat een overzicht heeft van de uitgestelde belastingposities van de Groep, is betrokken bij de beoordeling van uitgestelde belastingvorderingen. Uitgestelde belastingvorderingen voor overgedragen verliezen zijn gebaseerd op vijfjaar omzetprognoses.
  • De Groep volgt de uitstaande handelsvorderingen van dichtbij op, rekening houdend met de inningsachterstand, de betalingshistoriek en de afdekkingsgraad van kredietrisico's. Specifieke en algemene provisies voor dubieuze debiteuren worden opgenomen op basis van beste schattingen door het management op de balansdatum (zie toelichting 6.9. Handels- en overige vorderingen);
  • Bij elk jaareinde maakt de Groep een inschatting van de toekomstige risico's en kosten van de hangende geschillen en beroept zich hiervoor vooral op adviezen van interne en externe deskundigen. Eventuele belangrijke geschillen (belasting, milieu en overige, met inbegrip van de dreiging van de procesvoering) worden beoordeeld door de interne juridische afdeling van de Groep, met indien nodig, de ondersteuning van externe advocaten minstens elk kwartaal. Deze evaluatie omvat een beoordeling van de noodzaak om voorzieningen te herkennen en/of te herzien, samen met het Financiële en het Verzekeringsdepartement;
  • De Groep test jaarlijks de goodwill en kasstroomgenererende eenheden op bijzondere waardeverminderingen en telkens er een aanwijzing is dat de goodwill en kasstroomgenererende eenheden mogelijk in waarde gedaald zijn. Deze analyse is

gebaseerd op veronderstellingen zoals marktevolutie, marktaandeel, marge-evolutie, EBITDA/omzet ratio, disconteringsvoet en werkkapitaal/omzet ratio. Zie toelichting 6.2. Goodwill voor verdere details.

  • De toegezegde pensioenverplichtingen zijn gebaseerd op actuariële veronderstellingen zoals de disconteringsvoet en salarisverhogingen, die uitgebreid aan bod komen in toelichting 6.14. Verplichtingen voor pensioenen en personeelsbeloningen;
  • Reëlewaardebepalingen die niet volledig op waarneembare marktgegevens gebaseerd kunnen worden, vergen inschattingen die de geschatte reële waarde beïnvloeden. Het gaat hier om de conversieoptie inherent aan de converteerbare obligatie uitgegeven in december 2016 (zie toelichting 6.6. Overige financiële activa en verplichtingen) en de biologische activa (zie toelichting 6.4. Biologische activa);

4. Segmentinformatie

Voor managementdoeleinden is de Groep georganiseerd in drie operationele segmenten op basis van de activiteiten van de Groep.

Het Fresh segment levert hoogwaardige verse en vers gesneden groeten en fruit, bloemen en planten en logistieke diensten. Het Long Fresh segment (voorheen Prepared) omvat de Frozen activiteiten die een brede waaier van pas geoogste groenten en fruit verwerkt tot vers diepgevroren producten. De Prepared entiteiten (voorheen Canning), die ook deel uitmaken van het Long Fresh segment, verwerken pas geoogste groenten en fruit tot voedingsproducten klaar voor consumptie. Het segment Horticulture biedt een breed assortiment aan groeimedia voor de teelt van planten, groenten en fruit. Een overzicht van de entiteiten die zijn opgenomen binnen de verschillende segmenten wordt gegeven in toelichting 7.1. Dochterondernemingen, geassocieerde ondernemingen, joint ventures en investeringen geboekt aan kostprijs.

Het management beoordeelt de prestaties van de segmenten en alloceert middelen op basis van REBITDA en de omzet.

De activa van een segment omvatten de activa die er rechtstreeks aan toebehoren. De activa en omzet van een segment worden voorgesteld voor eliminatie van intersegment transacties. Verkopen tussen de segmenten zijn gebaseerd op marktconforme voorwaarden, op een soortgelijke manier als transacties met derden.

Onderstaande tabellen tonen een samenvatting van de resultaten per operationeel segment, voor het boekjaar eindigend op 31 maart 2016 (waaronder 9,5 maanden voor Fresh en Horticulture) en 31 maart 2017.

Segmentinformatie AY 16/17 Voortgezette activiteiten
Niet
Eliminaties gealloceerd
Fresh Long Fresh Horticulture (*) (**) Geconsolideerd
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Omzet 3.427.303 748.290 75.122 -1.512 - 4.249.203
Omzet 3.425.828 748.261 75.114 - - 4.249.203
Intersegment omzet 1.475 30 8 -1.512 - -
REBITDA 79.219 56.541 9.950 - - 145.710
Totaal activa op 31 maart 2017 1.094.264 635.115 160.610 -14.067 114.750 1.990.673
Segmentinformatie AY 15/16 Voortgezette activiteiten
Niet
Eliminaties gealloceerd
€'000 €'000 Fresh Long Fresh Horticulture
€'000
(*)
€'000
(**) Geconsolideerd
€'000
Omzet 2.508.554 646.153 48.987 -493 - 3.203.201
Omzet 2.508.075 646.139 48.987 - - 3.203.201
Intersegment omzet 479 14 - -493 - -
REBITDA 57.682 51.570 5.706 - - 114.958
Totaal activa op 31 maart 2016 1.145.569 719.110 93.674 -12.808 140.943 2.086.488

(*) lange termijn intersegment vorderingen en intersegment deelnemingen worden niet opgenomen in de activa van een segment en worden dus ook niet opgenomen in de eliminaties

(**) niet-gealloceerde activa omvatten derivaten en geldmiddelen en kasequivalenten

We verwijzen naar de sectie Like-for-like financiële informatie voor de reconciliatie van EBIT naar REBITDA.

4.1. Informatie over belangrijke klanten

De segmenten hebben een uitgebreid en gediversifieerd klantenbestand uitgebouwd, zowel in type klanten als geografische spreiding.

De omzet van de drie grootste klanten is licht gestegen en bedraagt 47,9% van de totale omzet in AY 16/17 (AY 15/16: 47,0%). Naast deze klanten, zijn er geen individuele klanten die meer dan 10% van de omzet van de Groep uitmaken (zowel voor het huidig als het vorige boekjaar). De omzet van de tien grootste klanten bedraagt 63,3% van de totale omzet in AY 16/17.

4.2. Geografische informatie

De Groep verkoopt haar producten wereldwijd in meer dan 100 landen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de omzet opgedeeld op basis van de geografische locatie van de klant.

Omzet AY 16/17 AY 15/16
Duitsland 31,4% 32,0%
Nederland 22,8% 21,4%
België 10,3% 10,6%
Verenigd Koninkrijk 8,4% 10,1%
Frankrijk 6,0% 6,6%
Overige - Europa 16,1% 15,6%
Overige - niet-Europa 5,0% 3,7%
TOTAAL 100,0% 100,0%

Onderstaande tabel toont de geografische spreiding van de vaste activa. De vaste activa zoals hieronder weergegeven omvatten geen goodwill, overige financiële activa en uitgestelde belastingvorderingen.

Geografische verdeling vaste activa 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
België 218.704 248.772
Nederland 105.400 111.230
Verenigd Koninkrijk 95.165 99.427
Duitsland 67.334 68.178
Frankrijk 63.203 64.704
Overige landen 100.728 92.919
TOTAAL 650.533 685.229

Voor een verdere bespreking van de segmentinformatie verwijzen we naar het Jaarverslag van de Raad van Bestuur.

5. Toelichtingen bij de geconsolideerde winst- en verliesrekening

De gerapporteerde geconsolideerde winst- en verliesrekening over AY 16/17 omvat 12 maanden activiteiten voor Fresh, Long Fresh en Horticulture.

Na de bedrijfscombinatie met Fresh en Horticulture omvat de gerapporteerde geconsolideerde winst- en verliesrekening AY 15/16 12 maanden activiteiten voor Long Fresh en 9,5 maanden activiteiten voor Fresh en Horticulture.

5.1. Bedrijfskosten

Bedrijfskosten AY 16/17 AY 15/16
€'000 €'000
Kostprijs van de omzet 2.971.006 2.176.468
Transport 300.133 236.680
Verpakking, opslag en teelt 351.958 293.079
Personeelskosten en kosten tijdelijke arbeidskrachten 271.460 216.255
Overige 48.352 46.340
Kostprijs van de omzet (*) 3.942.910 2.968.823
Huurkosten 14.557 11.081
Reparatie en onderhoud 3.852 3.383
Personeelskosten 125.082 97.547
Nutsvoorzieningen 2.865 2.349
Reis- en representatiekosten 10.241 8.753
Kantoorkosten 3.706 2.661
Honoraria 21.845 15.534
Verzekering 4.979 5.930
Informatie- en communicatietechnologie 11.220 8.519
Afschrijvingen 17.804 14.752
Kwaliteit 493 535
Overige 16.481 10.524
Overige bedrijfskosten 233.127 181.567
TOTAAL 4.176.037 3.150.389

(*) Bevat huurkosten, personeelskosten, afschrijvingen en overige directe bedrijfskosten.

Afschrijvingen in de kostprijs van de omzet bedragen € 45,0m.

5.2. Personeelskosten

Personeelskosten AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Lonen en salarissen 230.834 187.363
Sociale lasten 46.154 37.985
Pensioenkosten - toegezegde pensioenregelingen 2.076 960
Pensioenkosten - toegezegde bijdragenregelingen 2.986 1.739
Ontslagvergoedingen 251 237
Uitzendkrachten 98.795 72.425
Overige personeelskosten 15.445 13.092
TOTAAL 396.542 313.802
Vervat in kostprijs van de omzet 271.460 216.255
Vervat in overige bedrijfskosten 125.082 97.547

Het totaal aantal voltijdse equivalenten op 31 maart 2017 bedraagt 9.713, ten opzichte van 9.213 op 31 maart 2016.

5.3. Overige bedrijfsopbrengsten

Overige bedrijfsopbrengsten AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Huurinkomsten 2.015 1.655
Ontvangen schadeloosstellingen 2.758 1.076
Verkoop van afval 741 868
Winst/verlies (-) uit de verkoop van materieel vaste activa 713 -172
Kosten doorgerekend aan de telers - 1.449
Bedrijfssubsidies - 374
Doorrekening van kosten van de frozen divisie aan CECAB (Groupe d'Aucy) - 235
Doorrekening van verwerkingskosten - 324
Overige 2.702 2.381
TOTAAL 8.930 8.190

5.4. Eénmalige kosten en opbrengsten

Eénmalige kosten en opbrengsten AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Herstructureringskosten België -3.749 -
Reorganisatiekosten Duitsland -1.365 -
Juridische herstructurering Long Fresh -678 -
Impact boekhoudkundige verwerking voorraad Lutèce in kader van de
bedrijfscombinatie
-617 -
Fusie- & overname kosten -259 -6.001
Herfinancieringskosten -89 -
Verlies op verkoop H-Pack & H-Fruit -81 -
Overige -1.403 -628
Eénmalige kosten -8.241 -6.629
Impact boekhoudkundige verwerking voorraad Fresh in kader van de
bedrijfscombinatie
- 1.184
Winst op voordelige acquisitie (Lutèce en H-Pack & H-Fruit) - 18.253
Overige - 5
Eénmalige opbrengsten - 19.442
TOTAAL -8.241 12.813

5.5. Financieel resultaat

Financieel resultaat AY 16/17 AY 15/16
€'000 €'000
Interestkosten - Fresh obligatielening (afgelost in AY 16/17) -28.492 -17.768
Interestkosten - Retail obligatielening -7.495 -7.500
Interestkosten - Converteerbare obligatielening -1.284 -
Interestkosten - Bankleningen -5.250 -7.275
Afschrijving transactiekosten - Fresh obligatielening (afgelost in AY 16/17) -7.525 -1.270
Afschrijving transactiekosten - Retail obligatielening -73 -68
Afschrijving transactiekosten - Converteerbare obligatielening -128 -
Afschrijving conversieoptie -558 -
Afschrijving transactiekosten - Fresh wentelkrediet (afgelost in AY 16/17) -993 -310
Afschrijving transactiekosten - Wentelkrediet (afgelost in AY 16/17) -1.205 -453
Afschrijving transactiekosten - Termijnlening/ Wentelkrediet -251 -
Afschrijving reële waarde - Fresh obligatielening (afgelost in AY 16/17) 10.314 1.665
Interestkosten - Factoring -3.937 -2.958
Interestkosten - Renteswaps -2.214 -319
Overige -1.048 -384
Interestkosten -50.139 -36.640
Interestopbrengsten 1.795 1.737
Interestopbrengsten 1.795 1.737
Wisselkoerswinsten/verliezen (-) -4.932 -8.041
Reële waardewinsten/verliezen (-) op renteswaps 286 2.098
Reële waardewinsten/verliezen (-) op conversieoptie -13.600 -
Bank- en overige financiële kosten -6.021 -2.980
Overige financieel resultaat -24.268 -8.923
TOTAAL -72.612 -43.826

5.6. Belastingen op het resultaat

Belastingen op het resultaat AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Verschuldigde belastingen over de winst van de periode -9.819 -11.035
Aanpassingen inzake vorige boekjaren -1.751 864
Verschuldigde belastingen -11.570 -10.171
Opname en terugboeking (-) van tijdelijke verschillen 12.263 1.365
Uitgestelde belastingvorderingen op belastingverliezen en verbeurde verliezen -767 -3.557
Uitgestelde belastingen 11.496 -2.192
TOTAAL -74 -12.363
Reconciliatie effectieve belastingvoet AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Winst/verlies (-) voor belastingen 790 29.405
Theoretische belastingvoet
Belastingen aan de Belgische belastingvoet
33,99%
-269
33,99%
-9.995
Belastingimpact van:
Effect van verschillende belastingvoeten in andere landen 3.424 158
Inkomsten die niet aan belastingen onderworpen zijn
Niet-aftrekbare items
3.109
-5.142
4.375
-4.953
Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen op belastingverliezen en
verbeurde verliezen
-2.564 -3.231
Erkenning en gebruik van uitgestelde belastingvorderingen die voorheen nog niet 1.797 -326
erkend werden
Aanpassingen met betrekking tot vorige jaren
-1.751 864
Overige 1.321 745
Effectieve belastinglasten (-)/baten -74 -12.364
Effectieve belastingvoet 9,37% 42,04%
We verwijzen naar toelichting 6.7. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen.
De belastingen in AY 16/17 bedragen € 0,1m, wat een effectieve geconsolideerde belastingvoet van 9,37% inhoudt voor de Groep.
De lage effectieve belastingvoet van AY 16/17, in vergelijking met AY 15/16, is voornamelijk te wijten aan de erkenning van
uitgestelde belastingvorderingen en aan de inspanningen die geleverd zijn om de bedrijfsstructuur te stroomlijnen. Dankzij deze
aanpassingen heeft de Groep het bedrag aan betaalde belastingen kunnen beperken. Naar de toekomst verwacht de Groep een
meer genormaliseerde effectieve belastingvoet.
5.7.
Winst per aandeel
Winst per aandeel AY 16/17 Basisberekening Na
verwateringseffect
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen
Verwateringseffect van converteerbare obligatielening (uitgegeven in december
2016)
Totaal
44.327.306
-
44.327.306
44.327.306
-
44.327.306
Winst/verlies (-) toe te rekenen aan aandeelhouders van de Groep 885 885
Winst per aandeel 0,02 0,02
Winst per aandeel AY 15/16 Basisberekening Na
verwateringseffect
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen
Totaal
38.271.369
38.271.369
38.271.369
38.271.369
Winst/verlies (-) toe te rekenen aan aandeelhouders van de Groep 16.693 16.693
Winst per aandeel 0,44 0,44

5.7. Winst per aandeel

Winst per aandeel AY 16/17 Basisberekening Na
verwateringseffect
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen 44.327.306 44.327.306
Verwateringseffect van converteerbare obligatielening (uitgegeven in december
2016)
- -
Totaal 44.327.306 44.327.306
Winst/verlies (-) toe te rekenen aan aandeelhouders van de Groep 885 885
Winst per aandeel 0,02 0,02
Winst per aandeel AY 15/16 Basisberekening Na
verwateringseffect
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen 38.271.369 38.271.369
Totaal 38.271.369 38.271.369
Winst/verlies (-) toe te rekenen aan aandeelhouders van de Groep 16.693 16.693
Winst per aandeel 0,44 0,44

De converteerbare obligatielening heeft een antidilutief effect in AY 16/17 omdat de ratio WPA na verwatering erdoor zou verbeteren. Om de impact te berekenen, wordt verondersteld dat alle conversieopties van de converteerbare obligatielening in hun geheel worden uitgeoefend bij het begin van de periode, of, als de instrumenten uitgegeven werden gedurende de periode, op uitgiftedatum. Het aantal aandelen dat kan geconverteerd worden, werd bepaald op 7.171.543. Als onderdeel van het terugkoopprogramma voor eigen aandelen dat gestart is in maart 2017, heeft de Groep 1.034.677 aandelen ingekocht. Voor de berekening van de winst per aandeel na verwateringseffect bedraagt het theoretische aantal van gemiddeld aantal uitstaande aandelen, die mogelijks een verwateringseffect zouden kunnen hebben, 2.239.879.

6. Toelichtingen bij de geconsolideerde balans

6.1. Materiële vaste activa

Materiële vaste activa AY 16/17 Terrreinen
en
gebouwen
Installaties,
machines en
uitrusting
Meubilair en
rollend
materieel
Leasing Overige Activa in
aanbouw
TOTAAL
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
AANSCHAFFINGSWAARDE
Saldo op 31 maart 2016 251.547 432.449 57.039 10.895 - 14.892 766.821
Aanschaffingen 3.016 13.562 3.559 1.432 - 27.339 48.908
Wijziging in consolidatiekring:
bedrijfscombinaties
110 776 - - - 3 889
Overdrachten en buitengebruikstellingen -1.847 -6.830 -3.139 - - -393 -12.209
Wijziging in consolidatiekring: verkoop
dochterondernemingen
- - -28 - - - -28
Overboekingen 9.279 5.812 573 846 - -25.730 -9.220
Omrekeningsverschillen -2.243 -3.546 -247 1 - -298 -6.333
Saldo op 31 maart 2017 259.862 442.223 57.757 13.174 - 15.813 788.829
AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE
WAARDEVERMINDERINGEN
Saldo op 31 maart 2016 88.089 244.037 47.763 5.492 - 575 385.955
Afschrijvingen 11.558 31.632 3.563 1.350 - - 48.103
Bijzondere waardeverminderingen 889 30 - - - - 919
Wijziging in consolidatiekring:
bedrijfscombinaties
107 205 - - - - 312
Afgeboekt wegens overdrachten en
buitengebruikstellingen
-1.480 -6.362 -3.039 - - - -10.881
Wijziging in consolidatiekring: verkoop
dochterondernemingen
- - -12 - - - -12
Overboekingen -75 -9.837 154 641 - - -9.117
Omrekeningsverschillen -390 -1.804 -212 - - 4 -2.402
Saldo op 31 maart 2017 98.698 257.901 48.217 7.483 - 579 412.877
Boekwaarde op 31 maart 2017 161.164 184.322 9.541 5.691 - 15.234 375.952
Materiële vaste activa AY 15/16 Terrreinen
en
gebouwen
Installaties,
machines en
uitrusting
Meubilair en
rollend
materieel
Leasing Overige Activa in
aanbouw
TOTAAL
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
AANSCHAFFINGSWAARDE
Saldo op 31 maart 2015 137.528 209.268 5.371 -4.051 7.168 - 355.284
Aanschaffingen 10.205 20.660 2.970 1.959 - 14.370 50.164
Wijziging in consolidatiekring:
bedrijfscombinaties
106.865 210.008 54.238 6.486 - 4.560 382.157
Overdrachten en
buitengebruikstellingen
-2.309 -8.184 -3.048 - - -260 -13.801
Wijziging in consolidatiekring: verkoop
dochterondernemingen
- - -125 - - - -125
Overboekingen 3.559 6.577 -1.889 6.501 -7.168 -3.322 4.257
Omrekeningsverschillen -4.302 -5.880 -478 -
1
- -457 -11.118
Saldo op 31 maart 2016 251.547 432.449 57.039 10.895 - 14.892 766.821
AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE
WAARDEVERMINDERINGEN
Saldo op 31 maart 2015 22.382 76.260 2.933 -4.051 2.034 - 99.558
Afschrijvingen 9.869 28.984 2.939 1.038 - - 42.830
Wijziging in consolidatiekring:
bedrijfscombinaties
55.543 149.238 46.045 2.890 - 591 254.307
Afgeboekt wegens overdrachten en
buitengebruikstellingen
-1.885 -7.181 -2.859 5 - - -11.920
Wijziging in consolidatiekring: verkoop
dochterondernemingen
- - -55 - - - -55
Overboekingen 2.706 22 -962 5.610 -2.034 - 5.341
Omrekeningsverschillen -526 -3.285 -278 - - -16 -4.105
Saldo op 31 maart 2016 88.089 244.037 47.763 5.492 - 575 385.955
Boekwaarde op 31 maart 2016 163.458 188.412 9.277 5.402 - 14.317 380.866

De daling in materiële vaste activa met € 4,9m is toe te schrijven aan de afschrijvingen (€ 48,1m), omrekeningsverschillen (€ 3,9m), bijzondere waardeverminderingen met betrekking tot de reorganisatie voor de centralisatie van de activiteiten van Greenyard Fresh Direct België (voorheen Ben Fresh) naar Sint-Katelijne-Waver (€ 0,9m) en de gecombineerde impact van buitengebruikstellingen en overige bewegingen (€ 1,5m). Deze daling wordt gedeeltelijk gecompenseerd door de investeringen in AY 16/17 (€ 48,9m) en de impact van de bedrijfscombinatie met Nesterovskoye (€ 0,6m).

6.2. Goodwill

Goodwill per kasstroomgenererende eenheid 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Fresh 477.029 477.029
Long Fresh 78.910 78.910
Horticulture 35.984 33.937
TOTAAL 591.923 589.875

De Groep test goodwill jaarlijks op bijzondere waardeverminderingen, en telkens wanneer er een aanwijzing zou zijn die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. De test van de Groep op bijzondere waardeverminderingen op goodwill is gebaseerd op de bedrijfswaardeberekeningen op basis van contante waarde van verwachte kasstromen.

De toename van de Horticulture goodwill wordt verklaard door de recente acquisitie van een kleinere Russische activiteit, Nesterovskoye. Per 31 maart 2017 zijn er geen elementen vastgesteld die zouden wijzen op een bijzondere waardevermindering bij Fresh, Long Fresh of Horticulture.

Goodwill AY 16/17 AY 15/16
€'000 €'000
AANSCHAFFINGSWAARDE
Saldo op het einde van vorige periode 589.875 10.340
Wijziging in consolidatiekring: bedrijfscombinaties
Omrekeningsverschillen
2.048
-
579.643
-108
Saldo op het einde van de periode 591.923 589.875
BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGEN
Saldo op het einde van vorige periode - -
Bijzondere waardeverminderingen - -
Saldo op het einde van de periode - -
Boekwaarde op het einde van de periode 591.923 589.875
financiële budget over AY 17/18 en langetermijnprognoses voor de opeenvolgende boekjaren tot AY 20/21 (oftewel 'LRP' of 'Long
Range Plan').
Fresh
Het LRP houdt rekening met een margeverbetering resulterend in een gemiddelde REBITDA-marge van 2,7% (ten opzichte van 2,3%
in AY 16/17), en een gemiddelde omzetgroei van 0% over de periodes AY 17/18 - AY 20/21, overeenkomstig de strategische
doelstellingen. De berekening van bedrijfswaarde over een periode van vier jaar alsook de berekening van de eindwaarde (na de
geplande prognosetermijn) veronderstelt een groeivoet van 1,0%. De kasstromen worden verdisconteerd aan een
verdisconteringsvoet na belastingen van 7,1% die afgetoetst werd met de WACC (gewogen gemiddelde kapitaalkost) van de
analisten. De resultaten van deze test hebben uitgewezen dat de bedrijfswaarde de boekwaarde van de kasstroomgenererende
eenheid overstijgt met € 413,8m ('headroom'). De belangrijkste sensitiviteiten voor de test op bijzondere waardeverminderingen,
zijn de (perpetuele) groeivoet, de REBITDA-variantie (%) en de verdisconteringsvoet. De 'headroom' zou nul bedragen indien de
groeivoet, die gebruikt wordt om de bedrijfswaarde te berekenen, zou zakken met 460 basispunten (of -3,6%), of indien de
verdisconteringsvoet zou toenemen met 510 basispunten (of 12,2%). In de veronderstelling dat de REBITDA-marge voor de
volledige prognosetermijn (inbegrepen perpetuïteit) 1,8% zou bedragen, wordt de 'headroom' van € 413,8m tot nul herleid. Op
basis van bovenvermelde assumpties, heeft de Groep geoordeeld dat er per 31 maart 2017 geen bijzondere waardevermindering
op de Fresh goodwill dient erkend te worden.
Long Fresh
Het LRP houdt rekening met een margeverbetering resulterend in een gemiddelde REBITDA-marge van 8,9% (ten opzichte van 7,6%
in AY 16/17), en een gemiddelde omzetgroei van 4,2% over de periodes AY 17/18 - AY 20/21, overeenkomstig de strategische
doelstellingen. De berekening van bedrijfswaarde over een periode van vier jaar alsook de berekening van de eindwaarde (na de
geplande prognosetermijn) veronderstelt een groeivoet van 1,7%. De kasstromen worden verdisconteerd aan een
verdisconteringsvoet na belastingen van 6,7% die afgetoetst werd met de WACC van de analisten. De resultaten van deze test
hebben uitgewezen dat de bedrijfswaarde de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid overstijgt met € 191,0m
('headroom'). De belangrijkste sensitiviteiten voor de test op bijzondere waardeverminderingen, zijn de (perpetuele) groeivoet, de
REBITDA-variantie (%) en de verdisconteringsvoet. De 'headroom' zou nul bedragen indien de groeivoet, die gebruikt wordt om de
bedrijfswaarde te berekenen, zou zakken met 280 basispunten (of -1,1%), of indien de verdisconteringsvoet zou toenemen met 180
basispunten (of 8,5%). In de veronderstelling dat de REBITDA-marge voor de volledige prognosetermijn (inbegrepen perpetuïteit)
7,7% zou bedragen, wordt de 'headroom' van € 191,0m tot nul herleid. Op basis van bovenvermelde assumpties, heeft de Groep
geoordeeld dat er per 31 maart 2017 geen bijzondere waardevermindering op de Long Fresh goodwill dient erkend te worden.
Horticulture
Het LRP houdt rekening met een margeverbetering resulterend in een gemiddelde REBITDA-marge van 14,5% (ten opzichte van
13,2% in AY 16/17), en een gemiddelde omzetgroei van 2,6% over de periodes AY 17/18 - AY 20/21, overeenkomstig de

Fresh

Long Fresh

Horticulture

strategische doelstellingen. De berekening van bedrijfswaarde over een periode van vier jaar alsook de berekening van de eindwaarde (na de geplande prognosetermijn) veronderstelt een groeivoet van 2,0%. De kasstromen worden verdisconteerd aan een verdisconteringsvoet na belastingen van 6,8% die afgetoetst werd met de WACC van de analisten. De resultaten van deze test hebben uitgewezen dat de bedrijfswaarde de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid overstijgt met € 57,7m ('headroom'). De belangrijkste sensitiviteiten voor de test op bijzondere waardeverminderingen, zijn de (perpetuele) groeivoet, de REBITDA-variantie (%) en de verdisconteringsvoet. De 'headroom' zou nul bedragen indien de groeivoet, die gebruikt wordt om de bedrijfswaarde te berekenen, zou zakken met 540 basispunten (of -3,4%), of indien de verdisconteringsvoet zou toenemen met 380 basispunten (of 10,6%). In de veronderstelling dat de REBITDA-marge voor de volledige prognosetermijn (inbegrepen perpetuïteit) 10,1% zou bedragen, wordt de 'headroom' van € 57,7m tot nul herleid. Op basis van bovenvermelde assumpties, heeft de Groep geoordeeld dat er per 31 maart 2017 geen bijzondere waardevermindering op de Horticulture goodwill dient erkend te worden.

Per 31 maart 2016 was de gehanteerde methodologie identiek. The belangrijkste parameters worden hieronder weergegeven:

Goodwill bijzondere waardeverminderingtest - belangrijkste parameters 31 maart 2017 31 maart 2016
Fresh
Gemiddelde omzetgroei 0,0% 0,7%
Perpetuïteit groeipercentage 1,0% 1,0%
Gemiddelde REBITDA-variantie 2,7% 2,8%
Verdisconteringsvoet 7,1% 7,1%
Headroom (in €'000 000) 413,8 420,3
Long Fresh
Gemiddelde omzetgroei 4,2% 5,2%
Perpetuïteit groeipercentage 1,7% 1,7%
Gemiddelde REBITDA-variantie 8,9% 9,0%
Verdisconteringsvoet 6,7% 6,9%
Headroom (in €'000 000) 191,0 108,4
Horticulture
Gemiddelde omzetgroei 2,6% 3,1%
Perpetuïteit groeipercentage 2,0% 2,0%
Gemiddelde REBITDA-variantie 14,5% 14,0%
Verdisconteringsvoet 6,8% 6,6%
Headroom (in €'000 000) 57,7 59,4

6.3. Overige immateriële vaste activa

Overige immateriële vaste activa AY 16/17 Software en licenties
€'000
Klantenrelaties
€'000
Overige
€'000
TOTAAL
€'000
AANSCHAFFINGSWAARDE
Saldo op 31 maart 2016 40.925 250.535 2.678 294.139
Aanschaffingen 2.836 - 65 2.901
Wijziging in consolidatiekring:
bedrijfscombinaties
494 - - 494
Overdrachten en buitengebruikstellingen -94 - -87 -181
Overboekingen 333 - -
7
326
Omrekeningsverschillen 52 - - 52
Saldo op 31 maart 2017 44.546 250.535 2.649 297.731
AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE
WAARDEVERMINDERINGEN
Saldo op 31 maart 2016 28.151 14.955 1.329 44.435
Afschrijvingen 3.694 10.688 293 14.674
Afgeboekt wegens overdrachten en
buitengebruikstellingen
-37 - -113 -150
Overboekingen 229 - -
8
221
Omrekeningsverschillen 9 - - 9
Saldo op 31 maart 2017 32.046 25.643 1.501 59.189
Boekwaarde op 31 maart 2017 12.500 224.892 1.148 238.541
Overige immateriële vaste activa AY 15/16 Software en licenties
€'000
Klantenrelaties
€'000
Overige
€'000
TOTAAL
€'000
AANSCHAFFINGSWAARDE
Saldo op 31 maart 2015 4.924 25.000 908 30.832
Aanschaffingen 3.016 - - 3.016
Wijziging in consolidatiekring: 33.158 225.535 2.249 260.942
bedrijfscombinaties
Overdrachten en buitengebruikstellingen
Overboekingen
-491
473
-
-
-37
-441
-528
33
Omrekeningsverschillen -155 - -
1
-156
Saldo op 31 maart 2016 40.925 250.535 2.678 294.139
AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE
WAARDEVERMINDERINGEN
Saldo op 31 maart 2015 3.065 6.250 83 9.398
Afschrijvingen 3.076 8.705 129 11.910
Bijzondere waardeverminderingen 137 - 1.128 1.265
Wijziging in consolidatiekring: 23.500 - - 23.500
bedrijfscombinaties
Afgeboekt wegens overdrachten en
buitengebruikstellingen
-474 - - -474
Overboekingen -1.055 - -10 -1.065
Omrekeningsverschillen -98 - -
1
-99
Saldo op 31 maart 2016 28.151 14.955 1.329 44.435
Boekwaarde op 31 maart 2016 12.774 235.580 1.348 249.703
Klantenrelaties hebben voornamelijk betrekking op de klantenrelaties van het segment Fresh, verworven via de bedrijfscombinatie
in AY 15/16. De klantenrelaties hebben een resterende levensduur van 23 jaar.
6.4.
Biologische activa
Biologische activa AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Boekwaarde op het einde van de vorige periode 21.081 -
Wijziging in consolidatiekring: bedrijfscombinaties - 21.813
Aanpassing reële waarde via winst- en verliesrekening 939 1.342
Omrekeningsverschillen -1.666 -2.074
Boekwaarde op het einde van de periode 20.353 21.081
De biologische activa, die bestaan uit narcisbloembollen worden aan reële waarde gewaardeerd. Over de jaren heen heeft de
Groep haar variëteit in bloembollen uitgebreid waardoor ze momenteel meer dan 360 variëteiten in haar portfolio heeft. Deze
variëteiten kunnen in de volgende categorieën gegroepeerd worden:

Vroege variëteiten: deze kunnen geoogst worden in januari;

Tussenvariëteiten: geoogst in februari-maart, dit is de normale periode (alle andere kwekers produceren in dezelfde
periode);

Late variëteiten: geoogst in april, wat zeer moeilijk is door de onzekere weersomstandigheden (en lage productie van
concurrenten).
De bloembollen in de grond genereren de bloemen en zijn dus de basis voor garantie op inkomsten en toekomstige groei.
Aangezien de bloembollen na gemiddeld vijf jaar een extra bloembol genereren (die ook een bloem produceert), zal het aantal
bloembollen in de grond jaarlijks toenemen. Om hiermee rekening te houden in het waarderingsmodel werd er een

6.4. Biologische activa

Biologische activa AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Boekwaarde op het einde van de vorige periode 21.081 -
Wijziging in consolidatiekring: bedrijfscombinaties - 21.813
Aanpassing reële waarde via winst- en verliesrekening 939 1.342
Omrekeningsverschillen -1.666 -2.074
Boekwaarde op het einde van de periode 20.353 21.081
  • Vroege variëteiten: deze kunnen geoogst worden in januari;
  • Tussenvariëteiten: geoogst in februari-maart, dit is de normale periode (alle andere kwekers produceren in dezelfde periode);
  • Late variëteiten: geoogst in april, wat zeer moeilijk is door de onzekere weersomstandigheden (en lage productie van concurrenten).

vermenigvuldigingseffect toegepast (na vijf jaar genereert een bloembol een extra bloembol met bloemproductie, exclusief afval). Aangezien het gebruikelijk is om jaarlijks bloembollen te verkopen, werd de hypothese genomen dat een aanzienlijke hoeveelheid van de bollen die in de grond gegenereerd worden, verkocht worden. De rest van de bloembollen wordt gebruikt om verder bloemen te telen en om aan de toenemende vraag van de kanten te kunnen voldoen. Het waarderingsmodel houdt rekening met een stijging in verkoopprijzen van 1%, wat een beste inschatting is voor de toekomst. Er wordt geen rekening gehouden met de impact van stijgende rendementen. De groeivoet werd op 0% gezet. Alle kosten zijn gebaseerd op de werkelijke prestaties van het voorgaande jaar, rekening houdend met 2% inflatie. Mogelijke besparingen voor de toekomst worden niet in rekening genomen. Al deze assumpties zijn terug te vinden in het DCF model ('discounted cash flow', ook wel verdisconteerde kasstromen), waarbij een post-tax verdisconteringsvoet van 10,7% wordt gehandhaafd.

Tijdens AY 16/17 werd het DCF model ter berekening van de reële waarde van de bloembollen geüpdatet, wat leidde tot een waardetoename van € 0,9m.

Naam deelneming Beschrijving van belang Type investering 31 maart 2017 31 maart 2016
Grupo Yes Procurement
Marketing SL
Aankoop van groenten en fruit
voor exportdoeleinden in
Spanje
Joint venture 50% 50%
Logidis Sistem SL Bundelen van transport van
verse producten via
subcontracten in Spanje
Joint venture 50% 50%
Mahindra Univeg Private Ltd Import en export hub in Indië Joint venture 40% 40%
H-Pack Sorteer- en
verpakkingsdiensten,
voornamelijk van appelen en
peren
Joint venture - 50%
H-Fruit Sourcing en verkoop,
voornamelijk van appelen en
peren
Joint venture - 50%
Lunasoft Softwareontwikkeling Joint venture 50% 50%
Bardsley Farms Ltd Een premium appel- en
fruitproducent
Joint venture 30% -
Agritalia Srl Bio gecertificeerde
coöperatieve met telersnetwerk
in heel Italië
Geassocieerde
onderneming
33% -

6.5. Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode

Deelnemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Saldo op het einde van de vorige periode 7.141 -
Aandeel in de winst/verlies (-) -452 -584
Aanschaffingen 2.894 -
Wijziging in consolidatiekring: bedrijfscombinaties - 7.764
Wijziging in consolidatiekring: verkoop van joint venture -581 -
Omrekeningsverschillen -27 -39
Saldo op het einde van de periode 8.975 7.141

Onderstaande bedragen vertegenwoordigen de omzet en kosten, activa en verplichtingen van alle joint ventures en geassocieerde ondernemingen zoals momenteel opgenomen in de consolidatiekring met uitzondering van het nieuw verworven Bardsley Farms Ltd aangezien hiervoor nog geen cijfers beschikbaar zijn op datum van uitgifte van dit verslag.

Deelnemingen opgenomen volgens de Activa Verplichtingen Netto activa
vermogensmutatiemethode 31 maart 2017 31 maart 2016 31 maart 2017 31 maart 2016 31 maart 2017 31 maart 2016
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Grupo Yes Procurement Marketing SL 10.549 9.108 3.360 2.685 7.189 6.422
Logidis Sistem SL 5.561 4.145 4.253 3.037 1.308 1.108
Mahindra Univeg Private Ltd 1.523 2.569 821 1.117 702 1.452
H-Pack - 5.273 - 3.425 - 1.848
H-Fruit - 11.971 - 10.994 - 978
Lunasoft (3) 234 - 126 - 108 -
Agritalia Srl (3) 2.180 - 1.822 - 358 -
Deelnemingen opgenomen volgens de Opbrengsten Kosten Winst na belastingen
vermogensmutatiemethode AY 16/17 AY 15/16 (1) AY 16/17 AY 15/16 (1) AY 16/17 AY 15/16 (1)
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Grupo Yes Procurement Marketing SL 24.666 21.521 23.899 20.888 767 632
Logidis Sistem SL 20.396 18.072 20.196 17.980 200 91
Mahindra Univeg Private Ltd 4.718 6.515 5.141 6.777 -423 -262
H-Pack (2) 1.487 3.764 2.275 4.324 -787 -560
H-Fruit (2) 18.472 32.170 19.349 33.192 -877 -1.022
Lunasoft (3) 430 - 365 - 65 -
Agritalia Srl (3) 5.800 - 5.641 - 158 -

(1) Bevat 9,5 maanden

(2) Bevat 5 maanden in AY 16/17

(3) Cijfers op 31 december 2016

Er zijn geen voorwaardelijke verplichtingen met betrekking tot de geassocieerde ondernemingen of joint ventures van de Groep die gezamenlijk met andere investeerders zijn aangegaan en geen voorwaardelijke verplichtingen die voortkomen omdat de investeerder hoofdzakelijk aansprakelijk is voor alle of een gedeelte van de verplichtingen van de geassocieerde onderneming of joint venture.

6.6. Overige financiële activa en verplichtingen

Overige financiële activa en verplichtingen 31 maart 2017 31 maart 2016
Activa Verplichtingen Activa Verplichtingen
€'000 €'000 €'000 €'000
Renteswaps - kasstroomafdekkingen - 2.913 - 4.362
Conversieoptie - 25.659 - -
Langlopende derivaten - 28.572 - 4.362
Renteswaps - aangehouden voor
handelsdoeleinden - - - 286
Renteswaps - kasstroomafdekkingen 166 303 782 1.083
Valutatermijncontracten - aangehouden voor
handelsdoeleinden - - 708 -
Valutatermijncontracten -
kasstroomafdekkingen 1.343 478 1.504 2.214
Kortlopende derivaten 1.508 781 2.994 3.584
Voor verkoop beschikbare financiële activa 712 - 4.959 -
TOTAAL 2.220 29.354 7.952 7.945

In december 2016 heeft de Groep een converteerbare obligatielening uitgegeven voor een bedrag van € 125,0m. De kenmerken van deze converteerbare obligatielening zijn zodanig dat de conversieoptie een in de obligatielening besloten derivaat vormt dat, in overeenstemming met IAS 39, van het basisschuldinstrument is gescheiden. Op 31 maart 2017 bedraagt de reële waarde van de conversieoptie € 25,7m (op uitgiftedatum: € 12,1m), waardoor een verlies van € 13,6m in het overige financieel resultaat werd opgenomen.

Conversieoptie AY 16/17 AY 15/16
€'000 €'000
Boekwaarde op het einde van de vorige periode - -
Bij uitgifte van de converteerbare obligatielening 12.059 -
Aanpassing reële waarde viawinst- en verliesrekening 13.600 -
Boekwaarde op het einde van de periode 25.659 -

6.7. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen

Uitgestelde belastingen (nettoboekwaarde) AY 16/17 AY 15/16
Uitgestelde Uitgestelde belasting Uitgestelde Uitgestelde belasting
belastingvorderingen verplichtingen belastingvorderingen verplichtingen
€'000 €'000 €'000 €'000
Saldo op het einde van de vorige periode 10.871 46.154 6.698 23.023
Toename/afname (-) via winst- en
verliesrekening
9.588 -1.908 -3.561 -1.369
Toename/afname (-) via eigen vermogen 426 1.152 9.680 7.155
Wijziging in consolidatiekring:
bedrijfscombinaties
- 114 49.409 68.756
Omrekeningsverschillen 57 309 - -56
Compensatie van vorderingen en verplichtingen 1.637 1.637 -51.355 -51.355
Saldo op het einde van de periode 22.579 47.458 10.871 46.154
Uitgestelde belastingen (toewijzing) AY 16/17 AY 15/16
Uitgestelde Uitgestelde belasting Uitgestelde Uitgestelde belasting
belastingvorderingen verplichtingen belastingvorderingen verplichtingen
€'000 €'000 €'000 €'000
Immateriële en materiële vaste activa 19.578 83.362 9.049 85.159
Derivaten 665 118 1.769 516
Obligatieleningen 1.109 134 3.309 779
Geldmiddelen en kasequivalenten - 436 - -
Voorraden 342 3.717 406 6.933
Handels- en overige vorderingen 1.591 1.916 -10 1.438
Voorzieningen 4.647 2.079 4.720 3.147
Kortlopende verplichtingen 4.849 3.201 - -463
Fiscale verliezen en andere belastingkredieten 39.362 - 42.982 -
Belastingsreserves 154 2.215 - -
Totaal uitgestelde belastingen op tijdelijke
verschillen
72.297 97.177 62.226 97.510
Compensatie van vorderingen en verplichtingen -49.718 -49.718 -51.354 -51.355
Netto uitgestelde belastingsvorderingen en
-verplichtingen
22.579 47.458 10.871 46.154

De uitgestelde belastingvorderingen bedragen € 22,6m per 31 maart 2017. Zoals vermeld in toelichting 5.6. Belastingen op het resultaat heeft de Groep bijkomende uitgestelde belastingvorderingen opgenomen. Het totale bedrag van fiscale verliezen waarvoor uitgestelde belastingvorderingen werden opgezet, bedraagt € 141,0m (bruto) op 31 maart 2017.

Niet-opgenomen belastingvorderingen (bruto) AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Fiscale verliezen en andere belastingkredieten 89.716 146.768
TOTAAL 89.716 146.768

6.8. Voorraden

Voorraden 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Grondstoffen en handelsgoederen
Werk in uitvoering en gereed product
39.127
257.090
39.366
254.221
TOTAAL 296.217 293.587

Grondstoffen en handelsgoederen omvatten voornamelijk verse groenten en fruit, verpakkingsmateriaal en componenten voor potgrond. Verse groenten en fruit worden gebruikt voor verkoop (segment Fresh) of om te verwerken (segment Long Fresh).

Werk in uitvoering en gereed product hebben voornamelijk betrekking op het segment Long Fresh. Werk in uitvoering omvat bevroren groenten die opgeslagen zijn in bulk (nog niet verpakt).

Een deel van de voorraden is bezwaard onder de huidige financieringsprogramma's van de Groep. We verwijzen hiervoor naar toelichting 7.3. Verbintenissen.

6.9. Handels- en overige vorderingen

Handels- en overige vorderingen 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Handelsvorderingen 99 99
Waardeverminderingen op handelsvorderingen -99 -99
Handelsvorderingen - netto - -
Overige vorderingen 6.080 24.005
Waarborgsommen 410 393
Vooruitbetalingen 221 2.039
Overige vorderingen - netto 6.711 26.438
Langlopend gedeelte 6.711 26.438
Handelsvorderingen 225.863 270.665
Waardeverminderingen op handelsvorderingen -4.311 -4.963
Handelsvorderingen - netto 221.553 265.702
Overige vorderingen 56.156 48.201
Waardeverminderingen op overige vorderingen -112 -46
Vooruitbetaalde kosten en verworven opbrengsten 15.062 20.219
Vooruitbetalingen 21.233 26.868
Overige vorderingen - netto 92.339 95.242
Kortlopend gedeelte 313.892 360.944

De overige vorderingen hebben voornamelijk betrekking op BTW, overige terugvorderbare belastingen en deposito's. Vooruitbetaalde kosten en verworven opbrengsten hebben voornamelijk betrekking op voorafbetalingen op onderhoudscontracten, huur en IT kosten. Vooruitbetalingen hebben voornamelijk betrekking op vooruitbetalingen aan telers en leveranciers.

Het management is van mening dat de reële waarde niet significant verschilt van de boekwaarde.

Een groot deel van de handels- en overige vorderingen is bezwaard onder de huidige financierings- en factoringprogramma's van de Groep. We verwijzen hiervoor naar toelichting 7.3. Verbintenissen.

Ouderdomsanalyse handelsvorderingen en waardeverminderingen op vorderingen

Vervaldagbalans 31 maart 2017 31 maart 2016
Bruto Waarde Netto Bruto Waarde Netto
verminderingen verminderingen
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Niet vervallen 128.634 - 128.634 190.851 - 190.851
Minder dan 30 dagen vervallen 80.429 -11 80.417 60.548 - 60.548
Tussen 30 en 60 dagen vervallen 4.937 -41 4.896 5.852 -
3
5.849
Meer dan 60 dagen vervallen 11.864 -4.259 7.605 13.415 -4.960 8.455
TOTAAL 225.863 -4.311 221.553 270.665 -4.963 265.702

De waardeverminderingen op handels- en overige vorderingen worden vastgelegd door het management. Wanneer bedragen meer dan 30 dagen vervallen zijn, wordt een inschatting gemaakt van de terugvorderbaarheid en wordt in dat geval (faillissement, etc.) een gepaste voorziening aangelegd. Er wordt geen waardevermindering aangelegd door de Groep voor vervallen bedragen waarvan de inning nog steeds waarschijnlijk wordt geacht, bijvoorbeeld omdat de uitstaande bedragen ten laste zijn van de kredietverzekering, de fiscale autoriteiten of de Groep voldoende zekerheden heeft.

De blootstelling van de Groep aan kredietrisico's is opgenomen in toelichting 6.18. Beleid inzake risicobeheer.

Waardeverminderingen op vorderingen < 1 jaar 31 maart 2017 31 maart 2016
Handelsvorderingen Overige vorderingen Handelsvorderingen Overige vorderingen
< 1 jaar < 1 jaar < 1 jaar < 1 jaar
€000 €000 €000 €000
Saldo op het einde van de vorige periode -4.963 -46 -1.800 -
Toename -573 -181 -1.396 -
2
Niet-recupereerbare bedragen 699 - 360 1
Terugname 526 115 407 -
Wijziging in consolidatiekring:
bedrijfscombinaties
- - -2.533 -45
Saldo op het einde van de periode -4.311 -112 -4.963 -46

Kortlopende en langlopende handels- en overige vorderingen in vreemde valuta

Handels- en overige vorderingen: vreemde valuta 31 maart 2017 31 maart 2016
€'000 €'000
GBP 27.938 42.109
USD 23.405 24.508
PLN 16.242 20.412
CZK 18.990 19.087
Overige 14.009 5.045

Factoring

De meeste dochterondernemingen binnen de Groep hebben internationale gesyndiceerde factoringovereenkomsten aangegaan. In overeenstemming met de gesyndiceerde factoringovereenkomsten worden handelsvorderingen aan bepaalde commerciële financieringsmaatschappijen verkocht op 'non-recourse' basis. De financiering verkregen via de factoring heeft een buitenbalanskarakter. De gesyndiceerde factoringovereenkomst bevat ook een negatieve zekerheidsverklaring, een maximale verwateringsratio, een hefboomtest en een maximum programmabedrag.

Dochterondernemingen in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Duitsland, Nederland, Italië, Oostenrijk, Polen en België maken deel uit van het gesyndiceerde factoringprogramma dat een algemene limiet heeft van € 475,0m.

Naast de hierboven vermelde internationale gesyndiceerde factoringprogramma's, heeft enkel één entiteit in de VS een bilaterale factoring overeenkomst aangegaan. Factoring wordt enkel gebruikt bij klanten die door de commerciële financieringsmaatschappijen aanvaard worden voor kredietdekking, met uitsluiting van intragroepsvorderingen. De commerciële financieringsmaatschappij aanvaardt enkel kredietverzekeraars met ten minste een 'investment grade' rating.

Per 31 maart 2017 wordt € 405,4m van de financiering verkregen door de internationale gesyndiceerde factoringprogramma's (€ 358,6m per 31 maart 2016). Het risico van laattijdige betaling gerelateerd aan de factoring wordt als immaterieel ingeschat in AY 15/16 en AY 16/17.

In overeenstemming met IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering, worden alle 'non-recourse' handelsvorderingen die opgenomen werden in de factoringprogramma's afgeboekt voor wat betreft het deel van de niet-aanhoudende betrokkenheid.

6.10.Geldmiddelen en kasequivalenten en negatieve banksaldi

Geldmiddelen en kasequivalenten en negatieve banksaldi 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Geldmiddelen en kasequivalenten
Negatieve banksaldi
113.242
-507
137.949
-
TOTAAL 112.735 137.949

6.11.Financiële instrumenten per categorie

Financiële activa per categorie op 31 maart 2017 Activa aan
reële waarde
via winst- en
verliesrekening
Derivaten voor
hedging
Beschikbaar
voor verkoop
TOTAAL
Toelichting €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Voor verkoop beschikbare financiële
activa
6.6. - - - 712 712
Derivaten 6.6. - - 1.508 - 1.508
Handels- en overige vorderingen
exclusief vooruitbetalingen
6.9. 299.149 - - - 299.149
Geldmiddelen en kasequivalenten 6.10. 113.242 - - - 113.242
TOTAAL 412.391 - 1.508 712 414.612
Financiële activa per categorie op 31 maart 2016 Leningen en
vorderingen
Activa aan
reële waarde
via winst- en
verliesrekening
Derivaten voor
hedging
Beschikbaar
voor verkoop
TOTAAL
Toelichting €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Voor verkoop beschikbare financiële
activa
6.6. - - - 4.959 4.959
Derivaten 6.6. - 708 2.286 - 2.994
Handels- en overige vorderingen
exclusief vooruitbetalingen
6.9. 358.475 - - - 358.475
Geldmiddelen en kasequivalenten 6.10. 137.949 - - - 137.949
TOTAAL 496.424 708 2.286 4.959 504.377

6.12.Geplaatst kapitaal, uitgiftepremies en andere kapitaalinstrumenten

Evolutie van het geplaatst kapitaal 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Saldo op het einde van de vorige periode 288.392 97.845
Conversie warranten: kapitaalverhoging van 19 juni 2015 - 14.729
Fresh inbreng en De Weide Blik partiële splitsing: kapitaalverhoging van 19 juni
2015
- 84.727
Horticulture inbreng: kapitaalverhoging van 19 juni 2015 - 21.566
Incorporatie van uitgiftepremies in kapitaal - 71.818
Kosten met betrekking tot de kapitaalverhoging (IAS 32) - -2.294
Saldo op het einde van de periode 288.392 288.392

Het kapitaal van de Groep bestaat op 31 maart 2017 uit 44.372.585 aandelen, zonder aanduiding van nominale waarde.

Gewone aandelen, uitgegeven en volstort (in aantallen) 31 maart 2017 31 maart 2016
Saldo op het einde van de vorige periode 44.372.585 16.459.520
Conversie warranten: kapitaalverhoging van 19 juni 2015 - 2.400.000
Fresh inbreng en De Weide Blik partiële splitsing: kapitaalverhoging van
19 juni 2015
- 21.998.869
Horticulture inbreng: kapitaalverhoging van 19 juni 2015 - 3.514.196
Saldo op het einde van de periode 44.372.585 44.372.585
Evolutie toegestaan kapitaal 31 maart 2017 31 maart 2016
€'000 €'000
Saldo op het einde van de vorige periode 293.851 101.011
Bewegingen gedurende het boekjaar - 192.840
Saldo op het einde van de periode 293.851 293.851
Evolutie van uitgiftepremies en andere kapitaalinstrumenten 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Saldo op het einde van de vorige periode 317.882 14.309
Conversie warranten: kapitaalverhoging van 19 juni 2015 - 10.855
Fresh inbreng en De Weide Blik partiële splitsing: kapitaalverhoging van 19 juni
2015
- 11.153
Horticulture inbreng: kapitaalverhoging van 19 juni 2015 - 38.434
Incorporatie van uitgiftepremies in kapitaal per 19 juni 2015 - -71.818
Goodwill: toename van andere financiële instrumenten - 314.950
Saldo op het einde van de periode 317.882 317.882

De Raad van Bestuur is bevoegd om gedurende een periode van vijf jaar, te rekenen vanaf de bekendmaking in de bijlagen van het Belgisch staatsblad van de akte (15 juli 2015), het geplaatst kapitaal in één of meerdere malen te verhogen tot een bedrag van maximaal of gelijk aan € 293,9m.

Zoals opgenomen in de statuten van Greenyard heeft de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 19 september 2014 een volmacht verleend aan de Raad van Bestuur om de inkoop van eigen aandelen goed te keuren tot het wettelijk maximum van 20%. Op 14 maart 2017 heeft de Groep de opstart van een aankoopprogramma van eigen aandelen aangekondigd, wat een terugkoop van maximaal 1.750.000 aandelen vertegenwoordigt. Per eind maart 2017 had de Groep 1.034.677 eigen aandelen gekocht voor een totaal bedrag van € 16,4m.

De Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 16 september 2016 heeft de dividenduitkering van € 0,20 per aandeel goedgekeurd, die in oktober 2016 werd uitbetaald.

6.13.Optie- en warrantenplannen

Er zijn momenteel geen optie- of warrantenplannen in voege.

6.14.Verplichtingen voor pensioenen en personeelsbeloningen

Toegezegde bijdrageplannen ('defined contribution plans')

De pensioenplannen van de Groep voorzien in de betaling van welbepaalde bijdragen aan verzekeringsinstellingen of pensioenfondsen. Eenmaal deze bijdragen betaald zijn, heeft de Groep geen verdere betalingsverplichting. Deze werkgeversbijdragen worden ten laste van het resultaat genomen in het jaar waarop ze betrekking hebben. De bijdragen die betaald zijn gedurende AY 16/17 bedragen € 3,0m (AY 15/16 € 1,7m).

De Belgische toegezegde bijdrageplannen zijn bij wet verplicht om een minimumrendement te garanderen. De pensioenwetgeving is aangepast eind 2015 en definieert het minimumrendement als een variabel percentage gelinkt aan rendementen van in de markt observeerbare overheidsobligaties vanaf 1 januari 2016. Voor bijdragen betaald in 2016 en 2017 geldt een minimumrendement van 1,75% voor werkgevers- en werknemersbijdragen. De oude percentages (3,25% op werkgeversbijdragen en 3,75% op werknemersbijdragen) blijven van toepassing op de gecumuleerde bijdragen aan de groepsverzekering betaald tot 31 december 2015. De aanpassing aan de wetgeving resulteert niet in een materiële verplichting die door de Groep dient erkend te worden. De netto verplichting werd geschat op basis van individuele gegevens verstrekt door de verzekeringsinstellingen waarbij het verschil werd geanalyseerd tussen de gegarandeerde rendementen en de rendementen gegarandeerd door de verzekeringsinstellingen. De materiële toegezegde bijdrageplannen worden aanzien als toegezegde pensioenplannen.

Toegezegde pensioenplannen ('defined benefit plans') en andere personeelsbelongingen

De kosten met betrekking tot de IAS 19 voorzieningen worden geboekt in de personeelskosten terwijl de interestcomponent opgenomen wordt in het financieel resultaat.

Binnen de Groep zijn er verschillende toegezegde pensioenplannen, vijf voor werknemers in Nederland, drie in Duitsland en plannen in de VS Italië en Frankrijk. De actuariële waarderingsmethode is de 'projected unit credit cost method'. Deze methode alloceert toekomstige verplichtingen aan het jaar waarin het pensioen wordt verdiend. De verplichtingen die betrekking hebben op voorgaande jaren vormen de verplichting berekend als de reële waarde van de toegezegde pensioenverplichtingen. De fondsbeleggingen werden gewaardeerd aan reële waarde, rekening houdend met de reële waarde van de verwachte toekomstige kasstromen.

Een van de plannen waar de Groep in participeert is het Gustav Scipio Stiftung Fund (GUSS), een toegezegd pensioenplan voor meerdere werkgevers. De activa en verplichtingen die toerekenbaar zijn aan elk lid van het fonds aan het eind van elk boekjaar wordt bepaald door de statuten van GUSS. Bijdragen zijn bepaald op basis van de verhouding van niet-gestorte verplichtingen tussen de leden. Niet-gestorte verplichtingen worden bepaald als de verplichtingen van het fonds min de activa die gealloceerd zijn aan de leden. Indien, volgens het jaarlijkse actuarieel rapport de Groep geen verdere verplichtingen heeft aan de belanghebbenden van het plan en niet meer aansprakelijk is onder het GUSS, dan zal het recht hebben op een vergoeding in cash verminderd met enige negatieve belastingimpact op de andere leden. Volgens de statuten van GUSS zijn entiteiten niet aansprakelijk voor verplichtingen van andere entiteiten in het fonds. In het geval van ontbinding van het fonds zullen alle activa en passiva verdeeld worden tussen de leden in de verhoudingen die bepaald zijn door een onafhankelijk actuaris. Dergelijke ontbinding vereist de nodige goedkeuring van de Raad van Bestuur van GUSS en de Bremen State Authority.

De Groep heeft verschillende andere lange termijnverplichtingen naar aanleiding van personeelsvergoedingen (bv. jubileeverplichtingen) en andere 'post employment' beloningsverplichtingen (bv. brugpensioen). De andere personeelsbeloningsverplichtingen worden voorzien op het moment dat de verplichting ontstaat.

Voorzieningen met betrekking tot pensioenen en soortgelijke rechten 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Verplichtingen uit toegezegde pensioenplannen
Verplichtingen uit andere personeelsvergoedingen
19.205
2.040
19.074
2.546
TOTAAL 21.245 21.620
Toegezegde pensioenplannen - winst- en verliesrekening 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Personeelskosten
Interestkosten
2.076
401
960
384
TOTAAL 2.477 1.344

De verwachte te betalen uitkeringen voor AY 17/18 bedragen € 1,9m.

Toegezegde pensioenplannen - bedragen opgenomen in de balans 31 maart 2017 31 maart 2016
€'000 €'000
Contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegde
pensioenplannen
59.543 50.743
Reële waarde van fondsbeleggingen -40.337 -31.669
Netto verplichtingen 19.205 19.074
Mutaties van de brutoverplichtingen uit hoofde van de toegezegde pensioenplannen AY 16/17 AY 15/16
€'000 €'000
Saldo op het einde van de vorige periode 50.743 1.200
Wijziging in consolidatiekring: bedrijfscombinaties - 45.073
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkost 1.929 847
Pensioenkosten van verstreken diensttijd - 18
Interestkosten 1.099 1.047
Herwaarderingen: Ervaringswinst (-)/verlies 476 178
Herwaarderingen: Winst (-)/verlies als gevolg van wijzigingen in demografische
veronderstellingen
-111 174
Herwaarderingen: Winst (-)/verlies als gevolg van wijzigingen in financiële
veronderstellingen
840 3.156
Verwachte deelnemersbijdragen 513 362
Uitgekeerde vergoedingen -1.553 -1.563
Herclassificatie toegezegde bijdrageplannen naar toegezegde pensioenplannen 5.941 -
Omrekeningsverschillen -333 252
Saldo op het einde van de periode 59.543 50.743
Mutaties in de reële waarde van de fondsbeleggingen AY 16/17 AY 15/16
Saldo op het einde van de vorige periode €'000
31.669
€'000
-
Wijziging in consolidatiekring: bedrijfscombinaties - 29.388
Interestopbrengsten 698 663
Werkelijke uitgaven, belastingen en betaalde premies -147 -95
Bijdragen werkgever 2.242 1.394
Deelnemersbijdragen 513 362
Rendement op fondsbeleggingen (exclusief interestopbrengsten) 1.169 1.002
Uitkeringen fondsbeleggingen -1.266 -1.200
Herclassificatie toegezegde bijdrageplannen naar toegezegde pensioenplannen 5.941 -
Omrekeningsverschillen -482 155
Saldo op het einde van de periode 40.337 31.669
Toegezegde pensioenplannen - ontwikkeling van gecumuleerde gerealiseerde en niet
gerealiseerde resultaten
AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Ervaringswinst (-)/verlies 476 178
Winst (-)/verlies als gevolg van wijzigingen in demografische veronderstellingen -111 174
Winst (-)/verlies als gevolg van wijzigingen in financiële veronderstellingen 840 3.156
Rendement op fondsbeleggingen (exclusief interestopbrengsten) -1.169 -1.002
Omrekeningsverschillen -33 -
Totale beweging in gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 2 2.506
Toegezegde pensioenplannen - Kosten opgenomen in de winst- en verliesrekening AY 16/17
€'000
AY 15/16
€'000
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkost 1.929 847
Pensioenkosten van verstreken diensttijd - 18
Interestkosten 1.099 1.047
Interestopbrengsten -698 -663
Werkelijke uitgaven, belastingen en betaalde premies 147 95
Kosten opgenomen in de winst- en verliesrekening 2.477 1.344

De actuariële veronderstellingen en de gemiddelde duur van de belangrijkste plannen worden hieronder in detail weergegeven.

Voornaamste actuariële veronderstellingen Nederland Duitsland
31 maart 2017 31 maart 2016 31 maart 2017 31 maart 2016
Verdisconteringsvoet 2,0% 2,1% 2,0% 2,1%
Algemene loonsverhogingen 1,8% 1,8% 2,0% 2,0%
Inflatie 1,8% 1,8% 1,8% 1,8%
Gemiddelde looptijd van pensioenplannen 22 22 15 N/A
Voornaamste actuariële veronderstellingen Italië Verenigde Staten
31 maart 2017 31 maart 2016 31 maart 2017 31 maart 2016
Verdisconteringsvoet 2,0% 2,1% 3,7% 3,6%
Algemene loonsverhogingen 2,3% 2,3% N/A N/A
Inflatie 1,8% 1,8% 0,0% 1,8%
Gemiddelde looptijd van pensioenplannen 13 10 8 10

De sensitiviteit van de brutoverplichtingen uit hoofde van de toegezegde pensioenplannen ('defined benefit obligation' or 'DBO') voor de belangrijkste plannen is als volgt:

Gevoeligheid van de brutoverplichtingen 31 maart 2017 31 maart 2016
uit hoofde van de toegezegde DBO aan Effect stijging Effect daling DBO aan Effect stijging Effect daling
pensioenplannen - belangrijkste plannen verdisconterings van 0,50% van 0,50% verdisconterings van 0,50% van 0,50%
voet voet
Nederland 31.413 -3.236 3.762 21.627 -2.135 2.483
Duitsland 14.564 -1.035 1.162 14.472 -1.045 1.175
Italië 1.867 -111 127 1.941 -118 135
Verenigde Staten 3.752 -140 152 3.801 -147 160
TOTAAL 51.595 -4.521 5.203 41.841 -3.445 3.953
Detail van 31 maart 2017 31 maart 2016
fondsbeleggingen Verzekerings
contracten
Aandelen Bedrijfs
obligaties
Cash Verzekerings
contracten
Aandelen Bedrijfs
obligaties
Cash
Nederland 100% - - - 100% - - -
Duitsland - - 99% 1% - - 96% 4%
Verenigde Staten - 60% 37% 3% - 61% 36% 3%

6.15.Voorzieningen

Voorzieningen AY 16/17 Juridische
claims
Ontmanteling Verlieslatende
contracten
Milieukosten Reorganisatie Belasting
risico
TOTAAL
€000 €000 €000 €000 €000 €000 €000
Saldo op 31 maart 2016 7.353 4.985 4.183 150 763 185 17.619
Bijkomende voorzieningen 175 14 117 - 2.071 - 2.377
Terugname van ongebruikte
voorzieningen
-484 -31 -481 - -235 -30 -1.259
Aangewend gedurende het jaar -3.388 - -3.093 - -2.263 -147 -8.891
Omrekeningsverschillen -24 1 -79 - - 4 -98
Saldo op 31 maart 2017 3.633 4.969 647 150 336 12 9.748
Analyse van totale voorzieningen
Langlopend 3.559 4.969 164 150 - 12 8.855
Kortlopend 74 - 483 - 337 - 894
TOTAAL 3.633 4.969 648 150 337 12 9.748
Voorzieningen AY 15/16 Juridische
claims
Ontmanteling Verlieslatende
contracten
Milieukosten Reorganisatie Belasting
risico
TOTAAL
€000 €000 €000 €000 €000 €000 €000
Saldo op 31 maart 2015 760 - - - - - 760
Bijkomende voorzieningen 362 21 812 - 151 90 1.436
Terugname van ongebruikte
voorzieningen
-11 -358 -368 - -762 -
4
-1.502
Aangewend gedurende het jaar -1.133 -60 -949 - -3.401 -941 -6.484
Wijziging in consolidatiekring:
bedrijfscombinaties
7.393 5.383 4.795 150 4.775 1.045 23.542
Omrekeningsverschillen -18 -
2
-108 - - -
5
-132
Overige bewegingen - 1 - - - - 1
Saldo op 31 maart 2016 7.353 4.985 4.183 150 763 185 17.619
Analyse van totale voorzieningen
Langlopend 5.095 4.985 1.032 150 - 133 11.396
Kortlopend 2.258 - 3.151 - 763 52 6.223
TOTAAL 7.353 4.985 4.183 150 763 185 17.619

De afname van voorzieningen met € 7,9m is hoofdzakelijk toe te schrijven aan de afname van voorzieningen voor juridische claims (€ 3,7m) en de afname van voorzieningen voor verlieslatende contracten (€ 3,5m). De wijziging in de voorzieningen voor juridische claims heeft voornamelijk betrekking op de afwikkeling van geclaimde invoerlicenties binnen Fresh (€ 3,1m). De vermindering van de voorzieningen voor verlieslatende contracten komt voornamelijk voort uit de terugname door de bloemenactiviteiten in Fresh in het Verenigd Koninkrijk van de voorziening voor verlieslatende huurovereenkomsten (€ 1,3m), de aanwending door de bloemenactiviteiten van Fresh in Nederland van de voorziening voor verlieslatende huurovereenkomsten (€ 0,9m) en de aanwending van de voorziening door Lutèce (€ 1,1m).

De toevoeging aan en de aanwending van de voorzieningen voor reorganisatie heeft voornamelijk betrekking op de reorganisatiekosten voor de centralisatie van de activiteiten van Greenyard Fresh Direct Belgium (voorheen Ben Fresh) naar Sint-Katelijne-Waver.

Voor meer informatie betreffende de hangende geschillen verwijzen we naar toelichting 7.2. Belangrijke geschillen.

6.16.Rentedragende leningen

Op 14 november 2013 heeft Fresh een obligatielening uitgegeven met een vaste coupon van 7,875% voor een nominaal bedrag van € 285,0m. Op dezelfde datum werd een wentelkrediet onderschreven voor € 90,0m.

Op 5 juli 2013 heeft Long Fresh een retail obligatielening uitgegeven met een vaste coupon van 5,0% voor een nominaal bedrag van € 150,0m. Op 16 december 2013 werd een termijn- en wentelkrediet onderschreven voor € 158,5m.

Met het oog op het verlagen van de interestkosten en om de gemiddelde looptijd van de financieringsinstrumenten te verlengen, startte de Groep een herfinancieringsoefening, die succesvol werd afgerond in december 2016. Eind december 2016 heeft de Groep een converteerbare obligatielening uitgegeven met een vaste coupon van 3,75% voor een nominaal bedrag van € 125,0m. Tegelijkertijd werd de Facilities Agreement getekend voor € 375,0m.

De inkomsten van deze herfinanciering werden gebruikt voor de terugbetaling van de € 285,0m obligatielening van Fresh, de terugbetaling van de € 158,5m termijnlening en wentelkrediet van Long Fresh en voor het vervangen van het € 90,0m wentelkrediet van Fresh.

Op jaareinde werd een nominaal bedrag van € 160,0m getrokken als financiële schuld onder de Facilities Agreement. € 150,0m van deze faciliteit werd opgenomen als termijnlening, het restant van € 10,0m werd opgenomen als wentelkrediet.

Door de uitgifte van de obligatielening en het ondertekenen van de Facilities Agreement werden de grondslagen gelegd voor een stabiele financieringsstructuur op middellange termijn om het strategisch plan te realiseren.

Rentedragende leningen op 31 maart 2017 Binnen het jaar Tussen 1 en 5 jaar Na 5 jaar TOTAAL
€'000 €'000 €'000 €'000
Bankleningen - 148.665 278 148.943
Obligatieleningen - 260.679 - 260.679
Financiële leasing - 850 - 850
Rentedragende leningen > 1 jaar - 410.194 278 410.472
Bankleningen 7.591 - - 7.591
Negatieve banksaldi 507 - - 507
Financiële leasing 310 - - 310
Rentedragende leningen < 1 jaar 8.409 - - 8.409
TOTAAL 8.409 410.194 278 418.881
Rentedragende leningen op 31 maart 2017 Vast Variabel TOTAAL
€'000 €'000 €'000
Totaal 261.839 157.042 418.881
Rentedragende leningen op 31 maart 2017 Gewaarborgd Niet-gewaarborgd TOTAAL
€'000 €'000 €'000
Totaal 418.881 - 418.881
Rentedragende leningen per 31 maart 2016 Binnen het jaar Tussen 1 en 5 jaar Na 5 jaar TOTAAL
€'000 €'000 €'000 €'000
Bankleningen - 8.909 4.060 12.969
Obligatieleningen - 436.494 - 436.494
Financiële leasing - 818 - 818
Rentedragende leningen > 1 jaar - 446.221 4.060 450.281
Bankleningen 71.986 - - 71.986
Overige financiële verplichtingen 9 - - 9
Financiële leasing 692 - - 692
Rentedragende leningen < 1 jaar 72.687 - - 72.687
TOTAAL 72.687 446.221 4.060 522.968
Rentedragende leningen per 31 maart 2016 Vast Variabel TOTAAL
€'000 €'000 €'000
Totaal 438.004 84.964 522.968
Rentedragende leningen per 31 maart 2016 Gewaarborgd Niet-gewaarborgd TOTAAL
€'000 €'000 €'000
Totaal 522.959 9 522.968

Bankleningen

De Facilities Agreement omvat een termijnlening voor een nominaal bedrag van € 150,0m en een wentelkrediet voor een nominaal bedrag van € 225,0m. De Groep beschikt ook over bilaterale faciliteiten met individuele financiële instellingen voor een bedrag van € 52,0m.

Voor de termijnlening geldt een interestmarge tussen 1,50% en 2,75%, die gebaseerd is op de schuldratio. De uitstaande positie van de termijnlening per 31 maart 2017 bedraagt € 150,0m.

Aan het wentelkrediet is een interestmarge tussen 1,25% en 2,50% gekoppeld, die gebaseerd is op de schuldratio. Korte termijnbankleningen variëren in functie van de kasstroom gegenereerd uit bedrijfsactiviteiten, werkkapitaalbehoeften en de opname van factoring. De uitstaande positie van het wentelkrediet per 31 maart 2017 bedraagt € 10,0m. Er werden geen middelen opgenomen onder de bilaterale faciliteiten.

De overige bankleningen omvatten een termijnlening binnen het segment Long Fresh.

Alle rentedragende bankverplichtingen per 31 maart 2017 zijn uitgedrukt in euro en zijn afgesloten aan marktconforme voorwaarden.

Volgens de contractuele afspraken met bepaalde financiële instellingen worden de meeste negatieve bankbalansen gepresenteerd in min van geldmiddelen en kasequivalenten.

Onder de Facilities Agreement werden geen tekortkomingen of noch schendingen vastgesteld met betrekking tot betalingen van de hoofdsom en de interest op 31 maart 2017. Bijgevolg werden geen inbreuken op de convenanten vastgesteld. We verwijzen naar toelichting 7.3. Verbintenissen voor verdere informatie omtrent bankconvenanten en de niet in balans opgenomen rechten en verplichtingen.

De bankleningen worden opgenomen tegen geamortiseerde kostprijs, na aftrek van transactiekosten.

Reconciliatie nominale waarde naar boekwaarde Termijnlening Wentelkrediet Overige TOTAAL
bankleningen op 31 maart 2017 bankleningen
€'000 €'000 €'000 €'000
Nominale waarde 150.000 10.000 963 160.963
Transactiekosten bij uitgifte -1.872 -2.807 - -4.679
Afschrijving transactiekosten 101 151 - 251
Boekwaarde 148.229 7.343 963 156.535

Obligatieleningen

In december 2016 heeft de Groep een converteerbare obligatielening met een nominale waarde van € 125,0m uitgegeven met een vaste coupon van 3,75% en een looptijd tot december 2021. De converteerbare obligatielening wordt, conform IAS 32, beschouwd als een financiële verplichting met een daarin besloten derivaatverplichting en wordt voor wat betreft de schuldcomponent (basisschuldinstrument) opgenomen tegen geamortiseerde kostprijs na aftrek van transactiekosten en wordt voor het in de obligatielening besloten derivaat (conversieoptie) opgenomen tegen reële waarde.

De retail obligatielening van Long Fresh, uitgegeven in 2013, voor een nominaal bedrag van € 150,0m heeft een vaste coupon van 5,00% en een looptijd tot juli 2019.

Reconciliatie nominale waarde naar boekwaarde obligatielening
op 31 maart 2017
Converteerbare
obligatielening
€'000
Long Fresh retail
obligatielening
€'000
TOTAAL
€'000
Nominale waarde 125.000 150.000 275.000
Conversieoptie bij uitgifte -12.059 - -12.059
Afschrijving conversieoptie 558 - 558
Transactiekosten bij uitgifte -2.771 -429 -3.200
Afschrijving transactiekosten 128 251 379
Boekwaarde 110.857 149.822 260.679

We verwijzen naar toelichting 7.3. Verbintenissen voor verdere informatie omtrent convenanten met betrekking tot de Long Fresh retail obligatielening.

6.17.Handels- en overige schulden

Handels- en overige schulden 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Overige schulden 1.116 1.051
Langlopend 1.116 1.051
Handelsschulden 643.707 616.540
Belastingen 25.977 25.123
Bezoldigingen en sociale lasten 36.613 36.385
Overige 50.326 62.791
Overige schulden 112.917 124.299
Kortlopend 756.624 740.839

De overige schulden omvatten voornamelijk overige schulden in verband met toe te rekenen interesten en overige toe te rekenen kosten.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de lang- en kortlopende handels- en overige schulden in vreemde valuta.

€'000 €'000
GBP 46.078 45.283
USD 20.303 17.143
PLN 24.257 19.279
CZK 12.048 15.775
Overige 9.566 3.560

6.18.Beleid inzake risicobeheer

6.18.1. Marktrisico

Valutarisico

Handels- en overige schulden: vreemde valuta 31 maart 2017 €'000 31 maart 2016
€'000
GBP 46.078 45.283
USD 20.303 17.143
PLN 24.257 19.279
CZK 12.048 15.775
Overige 9.566 3.560
6.18.Beleid inzake risicobeheer
Bij de uitoefening van de bedrijfsactiviteit wordt de Groep blootgesteld aan financiële risico's: marktrisico's (valuta-, rente- en
overige risico's), krediet- en liquiditeitsrisico's. Het risicomanagementbeleid van de Groep is gericht op het beperken van de
mogelijke negatieve effecten van deze risico's op de financiële positie van de Groep omwille van de onvoorspelbaarheid van de
financiële markten. De Groep gebruikt derivaten om bepaalde marktrisico's te beperken.
Het financieel risicobeheer wordt uitgeoefend door een centraal thesauriedepartement ('Corporate Treasury') volgens de
thesauriebeleid van de Groep. Corporate Treasury identificeert, evalueert en beperkt financiële risico's in nauwe samenwerking
met de operationele entiteiten van de Groep.
6.18.1. Marktrisico
Het marktrisico houdt het risico in op evoluties in marktparameters, zoals wisselkoersen en interestvoeten, die een invloed kunnen
hebben op de financiële positie en de financiële prestaties van de Groep. Het doel is om deze marktrisico's te controleren en te
beheersen binnen de grenzen gedefinieerd in het risicomanagementbeleid.
Om de marktrisico's te beheersen koopt en verkoopt de Groep derivaten. Deze transacties worden uitgevoerd conform de
principes van het risicomanagementbeleid en worden als onderdeel beschouwd van de gewone bedrijfsvoering. De Groep gaat
geen speculatieve transacties aan.
Valutarisico
De Groep is internationaal actief en is bijgevolg onderhevig aan wisselkoersschommelingen van een aantal munten. De
Amerikaanse dollar en het Britse pond zijn de belangrijkste niet-euro munten en in mindere mate de Poolse zloty en de Tsjechische
kroon. Valutarisico vloeit voort uit toekomstige operationele transacties en erkende vorderingen en schulden.
Uitstaande bedragen in vreemde valuta 31 maart 2017 31 maart 2016
onderhevig aan valutarisico Vorderingen Schulden Netto Vorderingen Schulden Netto
€'000 €'000 blootstelling
€'000
€'000 €'000 blootstelling
€'000
GBP
USD
75.203
45.272
50.920
39.394
24.283
5.878
138.035
47.685
78.549
39.149
59.486
8.535
PLN 28.387 30.136 -1.749 32.682 22.139 10.543
CZK 28.597 12.048 16.549 28.716 25.389 3.326
Overige 14.142 9.566 4.576 6.961 5.414 1.548
Deze bedragen betreffen vorderingen en schulden op of aan derden en niet-operationele intragroep posities welke een valutarisico
kunnen inhouden. Deze vorderingen en schulden worden erkend in vreemde munten die verschillend zijn van de functionele munt
van de Groep.
De vorderingen en schulden in vreemde munt kunnen aanleiding geven tot gerealiseerde winsten of verliezen wanneer de koers op
het tijdstip van betaling of ontvangst afwijkt van de koers aan dewelke de vorderingen en schulden werden opgenomen.
Valutarisico ontstaat tevens op toekomstige transacties uitgedrukt in munten verschillend van de functionele munt van de Groep.
Op basis van het beleid uitgewerkt door het management, worden de groepsondernemingen gestuurd om het valutarisico dat
ontstaat door transacties in een munt verschillend van functionele munt van de groepsondernemingen, te beheersen.

Groepsondernemingen worden, in samenspraak met Corporate Treasury, verplicht om hun volledig valutarisico af te dekken. Om het valutarisico op toekomstige transacties te beheersen, maakt de Groep gebruik van valutatermijncontracten.

Corporate Treasury past volgende afdekkingsratio's toe om de valutarisico's te beheren:

Periode Afdekkingsratio
Tot 3 maanden 100%-75%
3 tot 6 maanden 75%-50%
6 maanden tot 1 jaar 50%-0%

Indien vereist voor commerciële doeleinden, kan een toekomstige kasstroom afgedekt worden voor 100%.

Valutasensitiviteit

De gevoeligheidsanalyse wordt toegepast op intragroepsleningen en -vorderingen en op handels- en overige vorderingen en schulden en leningen ten opzichte van derden voor vreemde munten die verschillend zijn van de functionele munt van de Groep. Voor onderstaande valutasensitiviteit werd een percentage van 10% gehanteerd om het effect van mogelijke wijzigingen in wisselkoersen te berekenen. Deze wijzigingen zouden een impact hebben op de winst voor belastingen.

De gevoeligheidsanalyse werd ook toegepast op de openstaande valutatatermijncontracten met een 10% wijziging in wisselkoersen als basis. Deze wijzigingen zouden een impact hebben op het eigen vermogen.

De onderstaande analyse geeft enkel de gevoeligheid weer voor de US dollar en het Britse pond. Het risico voor de andere munten wordt als niet materieel beschouwd. Een positief teken stelt een winst voor en een negatief teken staat voor een verlies.

Valutasensitiviteit Effect op winst voor
belastingen op
31 maart 2017
Effect op eigen
vermogen op
31 maart 2017
Effect op winst voor
belastingen op
31 maart 2016
Effect op eigen
vermogen op
31 maart 2016
€'000 €'000 €'000 €'000
GBP
+10% -2.208 1.784 -5.408 2.140
-10% 2.698 -2.181 6.610 -2.616
USD
+10% -534 -2.208 -776 -3.708
-10% 653 2.699 948 4.532

Rentevoetrisico

Om het renterisico te beheersen maakt de Groep gebruik van financieringsvormen met vaste en variabele rentevoeten. Voor financieringsvormen met variabele rentevoeten maakt de Groep gebruik van afgeleide financiële instrumenten om het risico op schommelingen in de rentevoeten in te dekken.

De financieringsvormen met variabele rentevoeten betreffen de Facilities Agreement, het internationale factoringprogramma en de termijnlening aangegaan door Long Fresh.

Om het renterisico gelinkt aan het factoringprogramma in te dekken heeft de Groep renteswaps afgesloten voor een totaal nominaal bedrag van € 125,0m.

Het renterisico op de Facilities Agreement en de termijnlening van Long Fresh werd ook ingedekt aan de hand van renteswaps voor een totaal nominaal bedrag van € 10,7m.

De blootstelling aan renterisico wordt op een continue basis geanalyseerd door de Groep. Er worden simulaties uitgewerkt voor verschillende scenario's zoals hernieuwing van bestaande posities, alternatieve financiering en indekking. Op basis van deze simulaties schat de Groep de mogelijke impact in op het resultaat voor een wijziging in rentevoeten. De scenario's worden enkel uitgewerkt voor de materiële financieringen.

Financiële schulden aan geamortiseerde kostprijs 31 maart 2017 31 maart 2016
Gemiddelde
effectieve
Gemiddelde
effectieve
€'000 interestvoet €'000 interestvoet
Variabele interestvoet
EUR
157.042 2,23% 84.964 2,90%
Vaste interestvoet
EUR
261.839 4,43% 438.004 6,88%
TOTAAL 418.881 522.968

Rentesensitiviteit

Ondanks de recente daling van de schuldgraad van de Groep en de daaraan verbonden daling van het renterisico en ondanks de indekkingsstrategie op basis van renteswaps, is het niet uitgesloten dat het toekomstige resultaat van de groep beïnvloed zal worden door schommelingen in de rentevoeten.

Rentesensitiviteit Nominale
waarde op
31 maart 2017
Impact 20
basispunten
stijging van de
interestvoet
Impact 20
basispunten
daling van de
interestvoet
Nominale
waarde op
31 maart 2016
Impact 20
basispunten
stijging van de
interestvoet
Impact 20
basispunten
daling van de
interestvoet
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Bankleningen
Renteswaps
160.963
135.738
56
456
-56
-459
86.474
120.503
11
445
-11
-448

Rentesensitiviteit: looptijd financiële instrumenten

Looptijd financiële instrumenten per
31 maart 2017
Instrumenten
categorie
Gemiddelde
effectieve
interest %
Totale
boekwaarde
< 1 jaar 1- 5 jaar > 5 jaar
€'000 €'000 €'000 €'000
Instrumenten met vaste interestvoeten
Obligatieleningen FLmaAC 4,43% 260.679 - 149.822 110.857
Financiële leasing nvt 2,00% 1.160 310 850 -
Instrumenten met variabele interestvoeten
Geldmiddelen en kasequivalenten L&R - 113.242 113.242 - -
Bankleningen FLmaAC 2,23% 156.535 7.591 148.665 278
Negatieve banksaldi FLmaAC 2,00% 507 507 - -
Looptijd financiële instrumenten per
31 maart 2016
Instrumenten
categorie
Gemiddelde
effectieve
interest %
Totale
boekwaarde
< 1 jaar 1- 5 jaar > 5 jaar
€'000 €'000 €'000 €'000
Instrumenten met vaste interestvoeten
Obligatieleningen FLmaAC 6,88% 436.494 - 436.494 -
Financiële leasing nvt 2,00% 1.510 692 818 -
Instrumenten met variabele interestvoeten
Geldmiddelen en kasequivalenten L&R - 137.949 137.949 - -
Bankleningen FLmaAC 2,90% 84.955 71.986 8.909 4.060

Instrumentencategorieën

L&R: Leningen en vorderingen

FLmaAC: Financiële verplichtingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs

Valuta- en rentevoetrisico: derivaten

Uitstaande derivaten: nominaal bedrag per 31 maart 2017 31 maart 2016
vervaldag Binnen het
Tussen 1 en 5
jaar
jaar
Na 5 jaar Binnen het
Tussen 1 en 5
jaar
jaar
Na 5 jaar
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Valutarisico
Va
l
uta
termi
jncontra
cten
169.206 451 - 238.466 845 -
Rentevoetrisico
Renteswaps
- 135.000 738 40.000 75.000 5.503
TOTAAL 169.206 135.451 738 278.466 75.845 5.503

Derivaten worden gewaardeerd aan reële waarde en 'hedge accounting' wordt toegepast voor alle derivaten. Er werd geen compensatie toegepast voor de verwerking van de derivaten.

De valutatermijncontracten vervallen ten laatste op 8 mei 2018 en de renteswaps ten laatste op 21 november 2024.

De reële waarde van de derivaten wordt berekend op basis van prijsmodellen die gebruik maken van recente marktprijzen. Voor de renteswaps wordt deze waarde opgegeven door de financiële instellingen waarbij de financiële instrumenten werden aangegaan. De reële waarde van de valutatermijncontracten wordt berekend door Corporate Treasury.

Detail reële waarde per 31 maart 2017 31 maart 2016
type derivaat Activa Ver
plichtingen
Nettopositie Opgenomen
in de winst
en verlies
rekening
Opgenomen
in eigen
vermogen
Activa Ver
plichtingen
Nettopositie Opgenomen
in de winst
en verlies
rekening
Opgenomen
in eigen
vermogen
€'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000 €'000
Valutarisico
Va
l
uta
termi
jncontra
cten
1.343 478 865 -265 1.133 2.212 2.214 -
2
1.097 128
Rentevoetrisico
Renteswaps
166 3.217 -3.051 286 1.612 782 5.731 -4.949 1.830 -5.847
Nettovorderingen/-
verplichtingen
1.508 3.695 -2.187 20 2.745 2.994 7.945 -4.951 2.927 -5.719

6.18.2. Kredietrisico

Het kredietrisico omvat het risico dat de Groep heeft op verlies aan inkomsten omdat een klant of financiële tegenpartij zijn contractuele verplichtingen ten opzichte van de Groep niet kan nakomen. Het risico is grotendeels gelinkt aan de openstaande handelsvorderingen en financiële investeringen van de Groep.

De blootstelling van de Groep aan kredietrisico's wordt voornamelijk bepaald door de individuele kenmerken van elke klant. De Groep heeft een gediversifieerde klantenportefeuille. Om zich te beschermen tegen wanbetalingen of faillissementen van haar klanten doet de Groep beroep op een internationale kredietverzekeringsmaatschappij en wordt er intern gebruik gemaakt van limieten op klantniveau. Het management heeft een kredietbeleid uitgewerkt en de blootstelling aan het kredietrisico wordt continu opgevolgd. Elke klant waarvan het krediet een bepaald bedrag overstijgt, wordt aan een kredietwaardigheidsonderzoek onderworpen. De kredietbeleid van de Groep heeft geen risico aan het licht gebracht voor de grootste klanten van de Groep (drie klanten vertegenwoordigen 47,9% van de omzet zoals toegelicht in 4.1. Informatie over belangrijke klanten).

Financiële investeringen worden enkel toegestaan wanneer de tegenpartijen voldoen aan minimaal aanvaardbare kredietlimieten tijdens de inleidende fase van de investering en zonder dat de maximale concentratie per tegenpartij wordt overschreden. De tegenpartijen dienen te behoren tot Westerse (VS, Canada, EC-landen) financiële instellingen en emittenten met een kredietrating BBB (Standard & Poor's Corporation), Baa (Moody's Investor Service) of beter.

Het kredietrisico behelst enkel 'leningen en vorderingen' (L&R). Aan de overige financiële activa is er een beperkt tot geen kredietrisico verbonden aangezien de tegenpartijen bestaan uit banken met een hoge kredietwaardigheid.

6.18.3. Liquiditeitsrisico

Korte termijn kasstroominschattingen worden opgemaakt door de operationele entiteiten van de Groep en door Corporate Treasury samengevoegd. Corporate Treasury beheerst de kasstroominschattingen en liquiditeitsbehoeften om erover te waken dat er voldoende geldmiddelen zijn om de operationele behoeften te vervullen en daarbij wordt opgevolgd dat er, ten allen tijde, voldoende ruimte aanwezig is voor de toegekende, niet opgenomen kredietlijnen om te voorkomen dat de Groep in overtreding zou zijn kredietbeperkingen of, indien van toepassing, convenanten op de kredietfaciliteiten van de Groep.

De meeste ondernemingen van de Groep maken deel uit van een cash pool system waarbij de cash dagelijks wordt afgeroomd naar bankrekeningen aangehouden door Corporate Treasury. Voor ondernemingen van de Groep die geen deel uitmaken van het cash pool systeem, worden kasoverschotten, rekening houdend met werkkapitaalbehoeften, overgemaakt aan Corporate Treasury.

Per 31 maart 2017 heeft de Groep nog niet gebruikte beschikbare kredietlijnen onder de Facilities Agreement voor een bedrag van € 215,0m (per 31 maart 2016: € 169,5m onder de voormalige termijnlening en het voormalige wentelkrediet). In navolging van de herfinanciering in december 2016, nam de totale kredietlijn af met € 50,0m. Het totaal bedrag aan bestaande bilaterale faciliteiten voor een bedrag van € 52,0m werd niet gebruikt per 31 maart 2017.

Voor een bespreking van de bestaande lijnen en hun modaliteiten verwijzen we naar rentedragende leningen (toelichting 6.16 Rentedragende leningen).

De volgende tabel toont per vervaldag, de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasstromen met betrekking tot financiële verplichtingen. Enkel netto rentebetalingen en kapitaalaflossingen zijn hierin vervat. Derivaten werden opgenomen voor hun resterende kasstromen.

Looptijd financiële verplichtingen op 31 maart Niet-verdisconteerde contractuele kasstromen
2017 Binnen het jaar
€'000
Tussen 1 en 5 jaar
€'000
Na 5 jaar
€'000
TOTAAL
€'000
Bankleningen 13.569 161.758 288 175.616
Obligatieleningen 12.177 179.063 129.687 320.927
Handels- en overige schulden 694.033 1.116 - 695.149
Niet-derivaten 719.780 341.937 129.975 1.191.692
Renteswaps 1.812 1.766 23 3.601
Valutatermijncontracten 1.349 7 - 1.356
Derivaten 3.161 1.773 23 4.957
TOTAAL 722.941 343.710 129.998 1.196.649
Looptijd financiële verplichtingen op 31 maart Niet-verdisconteerde contractuele kasstromen
2016 Binnen het jaar Tussen 1 en 5 jaar Na 5 jaar TOTAAL
€'000 €'000 €'000 €'000
Bankleningen 71.123 10.652 2.899 84.673
Obligatieleningen 29.871 547.327 - 577.198
Handels- en overige schulden 679.331 1.051 - 680.382
Niet-derivaten 780.325 559.030 2.899 1.342.254
Renteswaps 2.111 3.043 146 5.299
Valutatermijncontracten -444 5 - -439
Derivaten 1.667 3.047 146 4.860
TOTAAL 781.992 562.078 3.045 1.347.114

De contractuele kasstromen omvatten alle instrumenten die aangehouden werden op de balansdatum en waarvoor de betalingen reeds contractueel werden vastgelegd. Ingeschatte kasstromen naar aanleiding van toekomstige, nieuwe schulden worden niet opgenomen. Bedragen in vreemde valuta werden omgerekend tegen de slotkoers op de balansdatum. Variabele rentebetalingen met betrekking tot financiële instrumenten werden berekend op basis van de geldende termijnrentevoeten.

6.18.4. Financiële instrumenten – reële waarde

Voor de verschillende rubrieken aan financiële activa en verplichtingen worden de boekwaarden en de reële waarden geanalyseerd. Onderstaande tabel omvat enkel de financiële activa en schulden voor dewelke de reële waarde afwijkt van de boekwaarde. Voor de niet opgenomen financiële activa en schulden gaan we ervan uit dat de boekwaarde de reële waarde benadert.

De reële waarde van de bankleningen wordt berekend als de contante waarde van toekomstige kasstromen (niveau 2 input). De reële waarde van de Long Fresh retail obligatielening wordt bepaald op basis van standard waarderingsmodellen gebaseerd op marktgegevens (niveau 2 input). De reële waarde van het basisschuldinstrument van de converteerbare lening wordt berekend als de contante waarde van toekomstige kasstromen gebaseerd op referentie swap rate en 'credit spread' (niveau 3 input).

Financiële activa en verplichtingen per klasse en
categorie
Categorie in overeen
stemming met IAS
39
Nettoboekwaarde op
31 maart 2017
Bedragen
opgenomen in balans
in overeenstemming
met IAS 39:
Afgeschreven
kostprijs
Reële waarde op 31
maart 2017
€'000 €'000 €'000
Retail obligatielening FLmaAC 149.822 149.822 160.419
Basisschuldinstrument van de
converteerbare obligatielening
FLmaAC 110.857 110.857 121.751
Bankleningen FLmaAC 156.535 156.535 160.470
Financiële activa en verplichtingen per klasse en
categorie
Categorie in overeen
stemming met IAS
39
Nettoboekwaarde op
31 maart 2016
€'000
Bedragen
opgenomen in balans
in overeenstemming
met IAS 39:
Afgeschreven
kostprijs
€'000
Reële waarde op 31
maart 2016
€'000
Obligatieleningen FLmaAC 436.494 436.494 446.822
Bankleningen FLmaAC 84.955 84.955 85.055

6.18.5. Vermogensstructuur

De Groep tracht constant om haar vermogensstructuur (balans tussen schulden en eigen vermogen) te optimaliseren om zo de waarde van de aandeelhouders te maximaliseren. De Groep streeft naar een flexibele structuur zowel qua periodiciteit als naar krediettype die toelaat in te spelen op mogelijke opportuniteiten. De verschillende vermogenscomponenten worden besproken in de toelichting van het eigen vermogen 6.12. Geplaatst kapitaal, uitgiftepremies en andere kapitaalinstrumenten en in toelichting 6.16 Rentedragende leningen.

De Groep heeft schuldratio's zoals toegelicht in 7.3. Verbintenissen.

6.18.6. Reële waarde hiërarchie opgenomen in de balans

Activa en verplichtingen gewaardeerd aan 31 maart 2017 31 maart 2016
reële waarde Niveau 1
€'000
Niveau 2
€'000
Niveau 3
€'000
TOTAAL
€'000
Niveau 1
€'000
Niveau 2
€'000
Niveau 3
€'000
TOTAAL
€'000
Financiële activa aan reële waarde
Derivaten - Valutatermijncontracten
en renteswaps
- 2.220 - 2.220 - 2.994 - 2.994
Obligatielening (TFFG) - - - - 4.214 - - 4.214
Biologische activa - - 20.353 20.353 - - 21.081 21.081
Totaal - 2.220 20.353 22.573 4.214 2.994 21.081 28.289
Financiële passiva aan reële waarde
Derivaten - Valutatermijncontracten
en renteswaps
- 3.695 - 3.695 - 7.945 - 7.945
Derivaten - Conversieoptie - - 25.659 25.659 - - - -
Totaal - 3.695 25.659 29.354 - 7.945 - 7.945

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de financiële activa en verplichtingen van de Groep, die na initiële opname gewaardeerd worden aan reële waarde, gerangschikt per waarderingsmethode. De verschillende niveaus werden als volgt gedefinieerd:

Niveau 1: waardering op basis van (onaangepaste) prijsnoteringen in actieve markten voor identieke activa en passiva;

  • Niveau 2: waardering volgens algemeen aanvaarde waarderingsmodellen die gebaseerd zijn op de contante waarde van verdisconteerde kasstromen waarbij gebruik wordt gemaakt van beschikbare prijzen van recente markttransacties en prijsopgaven van handelaars in vergelijkbare instrumenten. Dit heeft voornamelijk betrekking op derivaten.
  • o Valutatermijncontracten worden gewaardeerd op basis van beschikbare termijnwisselkoersen en rentecurves afgeleid van rentevoetnoteringen met vergelijkbare termijnen.
  • o Renteswaps worden gewaardeerd tegen contante waarde van toekomstige kasstromen en verdisconteerd op basis van de toepasselijke rentecurves afgeleid van rentevoetnoteringen.
  • Niveau 3: waardering niet gebaseerd op waarneembare marktgegevens.
  • o De aandelenconversieoptie in de converteerbare obligatielening uitgegeven december 2016 is een in de obligatielening besloten derivaat, zonder nauw verband, dat dient afgezonderd van het basisschuldinstrument en gewaardeerd tegen reële waarde via het resultaat. De voornaamste inputs voor de waardering van de conversieoptie betreffen de reële waarde van de converteerbare obligatielening in haar geheel, de referentie swap rate (niveau 2) en de kredietmarge (niveau 3). Daarom werd de conversieoptie geclassificeerd als een financieel instrument van niveau 3.
  • o Biologische activa: zie toelichting 6.4. Biologische activa

Gedurende het jaar vond er geen beweging tussen niveau 1 en niveau 2 voor de financiële activa en schulden.

Belangrijkste inputs voor de waardering van de conversieoptie 31 maart 2017 Op uitgiftedatum
Niveau 1 inputs - -
Niveau 2 inputs
Obligatieprijs
Referentie swap rate
118%
0,16%
100%
0,12%
Niveau 3 inputs
Credit spread
425bp 575bp
Reële waarde gebaseerd op de waardering van de conversieoptie 31 maart 2017 Op uitgiftedatum
€'000 €'000
Reële waarde van de converteerbare obligatielening 147.410 125.000
Reële waarde van het basisschuldinstrument 121.751 112.941
Reële waarde van de conversieoptie 25.659 12.059

De reële waarde van de conversieoptie is bepaald als het verschil tussen de reële waarde van de converteerbare lening en de reële waarde van het basisschuldinstrument.

Conversieoptie: sensitiviteit Impact op reële
waarde op 31 maart
2017
€'000
Credit spread
+100 bp -4.987
+ 50 bp -2.536
-50 bp 2.566
-100 bp 5.221

7. Diverse elementen

7.1. Dochterondernemingen, geassocieerde ondernemingen, joint ventures en investeringen geboekt aan kostprijs

De moedermaatschappij van de Groep is Greenyard NV, gelegen te Sint-Katelijne-Waver, België. De belangrijkste dochterondernemingen en geassocieerde ondernemingen van de Groep per 31 maart 2017 zijn hieronder voorgesteld. Bijna alle entiteiten werden hernoemd in AY 16/17.

Fresh

Fresh: Dochterondernemingen
Land van oprichting Consolidatiemethode 31 maart 2017 31 maart 2016
Belangen% Belangen%
Greenyard Fresh Holding BE NV België Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Belgium NV België Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Direct Belgium NV België Integrale 51% 51%
Greenyard Transport Belgium NV België Integrale 100% 100%
Greenyard Logistics Belgium NV België Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Holding NL B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Greenyard Sourcing Connections B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh NL B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Netherlands B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Greenyard Finance B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Investments NL B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Bakker Barendrecht B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Bakker Barendrecht Transport B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Holland Crop B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Bakker Centrale Inkoop B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Greenyard Flowers Netherlands B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Greenyard Supply Chain Services B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh France SAS Frankrijk Integrale 100% 100%
Champaris SA Frankrijk Integrale 100% 75%
Agrisol SA Frankrijk Integrale 100% 100%
Delta Stocks Sarl Frankrijk Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Beteiligungs GmbH Duitsland Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Holding DE GmbH & Co KG Duitsland Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Trade International GmbH Duitsland Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Germany GmbH(1) Duitsland Integrale 94% 94%
Greenyard Fresh Handelsgesellschaft GmbH Duitsland Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh DFM Germany GmbH Duitsland Integrale 100% 100%
Pastari Gemusevertrieb GmbH & Co KG Duitsland Integrale 60% 60%
Greenyard Fresh Austria GmbH Oostenrijk Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Spain SA Spanje Integrale 100% 100%
Greenyard Logistics Portugal - logistica e Portugal Integrale 100% 100%
transportes SA
Greenyard Fresh Italy Srl
Greenyard Flowers UK Ltd.
Italië
Verenigd Koninkrijk
Integrale
Integrale
100%
100%
100%
100%
Winchester Bulb Growers Ltd(2) Verenigd Koninkrijk Integrale - 100%
Greenyard Fresh UK Ltd. Verenigd Koninkrijk Integrale 100% 100%
Pastari International Ltd(2) Turkije Integrale 60% 60%
Greenyard Fresh Poland SA Polen Integrale 100% 100%
Greenyard Logistics Poland Sp. Z o.o. Polen Integrale 100% 100%
Univeg Real Estate LLC(2) Rusland Integrale - 100%
Atabel SA Wit-Rusland Integrale 98% 100%
Bakker Trans sro Tsjechië Integrale 100% 100%
Bakker sro Tsjechië Integrale 100% 100%
Univeg Bulgaria EOOD Bulgarije Integrale 100% 100%
Greenyard USA Co Verenigde Staten Integrale 100% 100%
Seald Sweet LLC Verenigde Staten Integrale 90% 90%
Greenyard Logistics America Inc Verenigde Staten Integrale 100% 100%
Seald Sweet West International Inc (2) Verenigde Staten Integrale - 90%
DFM Brazil Ltda Brazilië Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Brazil Ltda Brazilië Integrale 100% 100%
Univeg Katope Peru SAC(2) Peru Integrale 95% 95%
Greenyard Fresh Peru SAC Peru Integrale 99% 99%
Greenyard Fresh Chile Ltda Chili Integrale 100% 100%
Greenyard Fresh Colombia SAS Colombia Integrale 100% 100%
Fresh: Joint ventures en geassocieerde ondernemingen
Land van oprichting Consolidatiemethode 31 maart 2017 31 maart 2016
Belangen% Belangen%
Grupo Yes Procurement Marketing SL Spanje Vermogensmutatiemethode 50% 50%
Logidis Sistem SL Spanje Vermogensmutatiemethode 50% 50%
Mahindra Greenyard Private Ltd. Indië Vermogensmutatiemethode 40% 40%
H-Pack CVBA (3) België Vermogensmutatiemethode - 50%
H-Fruit NV (3) België Vermogensmutatiemethode - 50%
Lunasoft BVBA België Vermogensmutatiemethode 50% 50%
Bardsley Farms Ltd. (4) Verenigd Koninkrijk Vermogensmutatiemethode 30% -
Agritalia Srl (4) Italië Vermogensmutatiemethode 33% -
Fresh: Investeringen geboekt aan kostprijs
Land van oprichting Consolidatiemethode 31 maart 2017 31 maart 2016
Belangen% Belangen%
Pison Srl (2) Italië Niet geconsolideerd 25% 25%
Campoverde Spa Agricola Italië Niet geconsolideerd 2% 2%
Export Frutta Puglia ARL Italië Niet geconsolideerd 9% 9%
Carpe Naturam Soc. Consortile ARL Italië Niet geconsolideerd 9% 9%
Project Fruit Chile SA Chili Niet geconsolideerd 5% 5%

Long Fresh

Long Fresh: Dochterondernemingen
Land van oprichting Consolidatiemethode 31 maart 2017 31 maart 2016
Belangen% Belangen%
Pinguin Foods CEE GMBH (2) Oostenrijk Integrale - 100%
Greenyard Frozen Langemark NV België Integrale 100% 100%
Greenyard Frozen Belgium NV (5) België Integrale 100% -
Pinguin Langemark NV België Integrale 100% 100%
Noliko Holding NV (2) België Integrale - 100%
Greenyard Prepared Investments NV België Integrale 100% 100%
Greenyard Prepared Belgium NV België Integrale 100% 100%
BND CVBA België Integrale 25% 25%
Greenyard Frozen Brazil Ltda Brazilië Integrale 100% 100%
Greenyard Frozen Investments FR (Moréac)
SAS
Frankrijk Integrale 66% 66%
Greenyard Frozen Investments FR (Comines)
SAS
Frankrijk Integrale 66% 66%
Greenyard Frozen Comines SAS Frankrijk Integrale 100% 100%
Greenyard Frozen France SAS Frankrijk Integrale 100% 100%
Greenyard Frozen Holding FR SAS Frankrijk Integrale 100% 100%
M.A.C. S.A.R.L Frankrijk Integrale 100% 100%
Greenyard Frozen Investments PL Sp. Z o.o. Polen Integrale 100% 100%
Greenyard Frozen Poland Sp. Z o.o. Polen Integrale 100% 100%
Greenyard Frozen Hungary Kft. Hongarije Integrale 100% 100%
Greenyard Frozen UK Ltd. Verenigd Koninkrijk Integrale 100% 100%
Greenyard Prepared UK Ltd. Verenigd Koninkrijk Integrale 100% 100%
Lutèce Holding B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Lutèce B.V. Nederland Integrale 100% 100%
Long Fresh: Investeringen geboekt aan kostprijs
Land van oprichting Consolidatiemethode 31 maart 2017 31 maart 2016
Belangen% Belangen%
Tomates D'Aquitaine S.A.S. Frankrijk Niet geconsolideerd 9% 14%

Horticulture

Horticulture: Dochterondernemingen
Land van oprichting Consolidatiemethode 31 maart 2017
Belangen%
31 maart 2016
Belangen%
Pe
a
ti
nve
s
t NV
België Integra
l
e
100% 100%
Greenyard Horticulture Belgium NV België Integrale 100% 100%
Agrofino Transport BVBA België Integrale 100% 100%
Norland S.A. België Integrale 100% 100%
Greenyard Horticulture Poland Sp. Z o.o. Polen Integrale 100% 100%
Greenyard Horticulture Latvia AS Letland Integrale 99% 99%
Greenyard Horticulture France SAS Frankrijk Integrale 100% 100%
PSC (4)
Ne
s
te
rovs
koye
Rusland Integra
l
e
85% -

(1) De Groep houdt 94% van de aandelen van Greenyard Fresh Germany. Op basis van de overeenkomst getekend bij de verkoop van 6% van de aandelen, behoudt de Groep alle rechten tot vroegere en toekomstige resultaten van Greenyard Fresh Germany. Als gevolg van deze overeenkomst is Greenyard Fresh Germany voor 100% geconsolideerd.

(2) In liquidatie/geliquideerd

(3) Desinvestering

(4)Aanschaffing

(5) Oprichting

Significante beperkingen

Er zijn geen significante beperkingen (die bv. voortkomen uit leningovereenkomsten, regelgeving of contractuele overeenkomsten tussen investeerders met een significante invloed op een dochteronderneming) op de mogelijkheid van dochterondernemingen om fondsen te transfereren naar de moedervennootschap in de vorm van cash dividenden, of om leningen terug te betalen of voorschotten betaald door de moedervennootschap, met uitzondering van deze vermeld onder toelichting 7.3. Verbintenissen, met goedkeuring van de hoofdaandeelhouders. Bijkomend zijn er geen significante beperkingen op de mogelijkheid van de Onderneming of dochterondernemingen om toegang te hebben tot of gebruik te maken van de activa en de verplichtingen van de Groep na te komen, met uitzondering van deze vermeld onder toelichting 7.3. Verbintenissen.

Wijzigingen in de consolidatiekring

Er zijn geen belangrijke wijzigingen in de consolidatiekring in AY 16/17. Voor informatie met betrekking tot de bedrijfscombinaties in AY 15/16 verwijzen naar de jaarrekening van vorig jaar.

7.2. Belangrijke geschillen

Fiscaal geschil Greenyard Frozen Brasil Ltda

Greenyard Frozen Brasil Ltda importeert vriesverse groenten en fruit uit Europa waarvoor de vennootschap een vrijstelling op de ICMS belasting (belasting op verkeer van goederen en diensten) heeft ontvangen van de staat Sao Paolo. Vriesverse groenten en fruit worden beschouwd als natuurlijke basisproducten waarop geen ICMS belasting van toepassing is. De plaatselijke belastingautoriteiten zijn echter van mening dat vriesverse groenten en fruit niet als natuurlijke producten kunnen beschouwd worden en legt een administratieve boete op. Dit is een algemene praktijk voor de hele sector van vriesverse groenten. De totale geschillen van Greenyard in dit aspect bedragen R\$22,5 miljoen (€ 6,1m) en hebben betrekking op de periode 2010-2016. De juridische procedure tegen de lokale belastingautoriteiten is hangende, maar geen van de rechtszaken werd verloren in laatste aanleg. Een finale gunstige beslissing van de rechtbank wordt verwacht. Op basis van bovenstaande is Greenyard van mening dat het risico beperkt is en werd er geen voorziening opgenomen.

Greenyard heeft daarenboven een recht van verhaal tegen de CECAB groep voor de ICMS vorderingen tussen 2010 en september 2011.

Geschil valse bananenlicenties Greenyard Fresh Italy S.r.l.

In 2002 ontving Greenyard Fresh Italy S.r.l. (voorheen Univeg Trade Italia S.r.l. en daarvoor Bocchi Import Italia S.r.l.) een vordering die betrekking heeft op douanerechten die naar verluidt niet werden betaald op de invoer van bananen van oktober 1998 tot november 1999. De belastingautoriteiten beweerden dat de vennootschap valse licenties gebruikte voor de handel in bananen. In Portugal heeft de vennootschap in beroep verloren en heeft zij een bedrag betaald van € 1,9m (inclusief interesten). De Griekse belastingautoriteiten vorderen de betaling van € 2,1m (inclusief interesten), waarvoor een voorziening werd aangelegd door de vennootschap. De juridische procedure voor het Griekse Hooggerechtshof is hangende.

Knoflook geschil Greenyard Fresh Italy S.r.l.

In totaal werden 31 vorderingen ingesteld tegen Greenyard Fresh Italy S.r.l. (voorheen Univeg Trade Italia S.r.l. en daarvoor Bocchi Import Italia S.r.l.) en andere vennootschappen van de Groep (voorheen behorend tot de Univeg Groep), met betrekking tot de inklaring voor vanuit China ingevoerde knoflook in de periode 2005-2007. De vorderingen hebben betrekking op het feit dat Greenyard Fresh Italy S.r.l., op het moment van de export, de eindafnemers nog niet geïdentificeerd had en daarom de vereiste documenten uitgaf in haar eigen naam en de douanefactuur betaalde. Zodra de eindafnemers waren geïdentificeerd, gaf de Chinese importeur creditnota's uit aan Greenyard Fresh Italy S.r.l. en gaf hij correcte facturen aan de eindafnemers. De belastingautoriteiten beweren dat dit neerkomt op de verboden verkoop van licenties. De juridische procedure voor het Italiaanse Hooggerechtshof is hangende. Er werd met de belastingautoriteiten overeengekomen om het totale uitstaande bedrag van € 1,3m te betalen, onverminderd en onder voorbehoud van alle rechten, om de verdere aangroei van interesten te vermijden in afwachting van de uitkomst van de hangende juridische procedure.

Bulbex geschil

In 2006 heeft Greenyard Finance B.V. (voorheen Bulbex B.V.) een vordering ontvangen als gevolg van het afstoten van bepaalde participaties in 2004. Meer specifiek heeft de vordering betrekking op een afstand van schuldvorderingen die op het moment van desinvestering als onvoorwaardelijk en zonder voorbehoud werd beschouwd en nu wordt aangevochten omwille van het feit dat dergelijke afstand in bepaalde omstandigheden niet van toepassing zou zijn. Greenyard Finance B.V. heeft de zaak in eerste aanleg verloren en beroep ingesteld. Dit beroep is hangende.

7.3. Verbintenissen

7.3.1. Verbintenissen met betrekking tot investeringen in materiële vaste activa en aankopen van verse groenten

De Groep heeft op 31 maart 2017 en 31 maart 2016 verbintenissen tot investeringen in materiële vaste activa en aankopen van verse groenten voor volgende bedragen:

Aankoopverplichtingen 31 maart 2017 31 maart 2016
€'000 €'000
Verse groeten en fruit 101.175 111.443
Materiële vaste activa 4.684 9.413
Overige 3.672 147
TOTAAL 109.531 121.003

De Groep heeft met een aantal landbouwers zaai- en afnamecontracten afgesloten voor de aankoop van verse groenten. De gecontracteerde bedragen zijn nog onderhevig aan fluctuaties in functie van de klimatologische omstandigheden en de prijsevoluties voor verse groenten.

7.3.2. Verbintenissen met betrekking tot huur en operationele lease

De Groep heeft huur- en leasecontracten afgesloten, voornamelijk voor gebouwen en voertuigen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de huidige waarde van niet-opzegbare huur- en lease overeenkomsten per vervaldag.

Huur en operationele leasing: toekomstige betalingen 31 maart 2017 31 maart 2016
€'000 €'000
Binnen 1 jaar 48.243 48.467
Tussen 1 en 5 jaar 141.432 136.824
Na 5 jaar 160.940 166.903
TOTAAL 350.615 352.194
Huur en operationele leasing: kosten 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Huur en operationele leasing: kosten 58.658 41.079
TOTAAL 58.658 41.079

7.3.3. Factoring

In overeenstemming met IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering worden alle non-recourse handelsvorderingen die opgenomen zijn in het factoringprogramma niet in de balans erkend voor het deel met een niet-continuerende betrokkenheid.

Per 31 maart 2017 bedragen de niet in de balans erkende handelsvorderingen € 405,4m.

7.3.4. Bankconvenanten en afspraken

In december 2016 heeft de Groep een hoogrentende obligatielening (€ 285,0m) en totale kredietfaciliteiten (€ 263,0m) geherfinancierd met een converteerbare obligatielening (€ 125,0m) en de Facilities Agreement (€ 375,0m). De retail obligatielening die werd uitgegeven in juli 2013 door Long Fresh van € 150,0m, blijft van toepassing.

Groep converteerbare obligatielening

Greenyard Fresh Holding BE NV, een 100%-dochteronderneming van de Onderneming, heeft een 'senior unsecured', gewaarborgde converteerbare obligatielening uitgegeven van € 125,0m met een vaste coupon van 3,75% en looptijd tot december 2021. De converteerbare obligatielening is gewaarborgd door de Onderneming. De bepalingen en voorwaarden stellen Greenyard Fresh Holding BE in staat om de converteerbare obligaties terug te betalen in cash, nieuwe en/of ingekochte eigen aandelen van de Onderneming of een combinatie daarvan, naar keuze van Greenyard Fresh Holding BE bij de omzetting van de converteerbare obligaties door de obligatiehouders.

Greenyard Fresh Holding BE heeft de mogelijkheid om alle uitstaande converteerbare obligaties op of na 22 januari 2020 terug te kopen tegen pari plus vervallen interest, in overeenstemming met de bepalingen en voorwaarden van de converteerbare obligaties, als de volume gewogen gemiddelde prijs van de aandelen van de Onderneming hoger ligt dan 130% dan de conversiekoers over een bepaalde periode, of als op enig moment 15% of minder van het totaal bedrag in hoofdsom van de converteerbare obligaties nog steeds uitstaat.

De conversiekoers van de converteerbare obligatie is vastgesteld op € 17,43, wat een premie vertegenwoordigt van 25% van de volume gewogen gemiddelde prijs van de aandelen van de Onderneming op Euronext Brussels tussen de opening en de afsluiting van de markt op de plaatsingsdatum.

De bepalingen en voorwaarden van de converteerbare obligatielening omvatten, onder andere, enkele specifieke clausules inzake dividendbescherming en inzake 'change of control'. De converteerbare obligatielening is niet onderworpen aan financiële convenanten.

Groep Facilities Agreement

In december 2016 heeft de Groep een Facilities Agreement van € 375,0m aangegaan met een consortium van banken, bestaande uit een termijnlening van € 150,0m en een wentelkrediet van € 225,0m en met een looptijd tot december 2021. De termijnlening is in mindere mate terugbetaalbaar in periodieke termijnen.

De faciliteiten dragen een interestkost die de som omvat van EURIBOR en marge. De marge is verschillend voor de termijnlening en de kredietfaciliteit. De marge is gebaseerd op de schuldratio van de Groep en bedraagt maximaal 2,75% voor de termijnlening en maximaal 2,50% voor de kredietfaciliteit.

Naast de gebruikelijke algemene convenanten omvat het wentelkrediet de volgende financiële convenanten die getest worden op halfjaarlijkse basis (30 september en 31 maart) en die gerapporteerd worden aan de kredietverstrekkers:

  • interest cover ratio: REBITDA / netto financiële kost (≥ 3,00 per 31 maart 2017)
  • schuldratio: totale netto financiële schuld / REBITDA (≤ 3,50 per 31 maart 2017)

Er werden per 31 maart 2017 geen inbreuken op de convenanten vastgesteld.

Onder de Facilities Agreement dient voldaan te worden aan een garanten dekkingsvereiste waarbij de Garanten bepaalde minimumniveaus moeten nakomen op basis van de totale geconsolideerde bruto-activa, de totale geconsolideerde netto-omzet en de geconsolideerde REBITDA. De garanten dekkingsvereiste-test dient jaarlijks aan het einde van het jaar uitgevoerd te worden en er dienen Garanten toegevoegd te worden aan de Facilities Agreement indien de garanten dekkingsvereiste-test niet is voldaan.

Long Fresh retail obligatielening

Op 5 juli 2013 heeft Greenyard NV (voorheen Pinguin NV) een retail obligatielening uitgegeven met een nominaal bedrag van € 150,0m, een bruto coupon van 5,0% en een looptijd tot juli 2019.

Op 19 oktober 2015 heeft het Hof van Beroep te Gent de beslissingen van de Tweede Algemene Vergadering van Obligatiehouders van 24 juli 2015 gehomologeerd. Een goedkeuring werd bekomen over de wijziging van activiteiten van Greenyard NV alsook over de 'ring fencing' van de retail obligatielening van Greenyard als gevolg van de bedrijfscombinatie van 19 juni 2015.

Deze retail obligatielening voorziet in volgende financiële convenanten die jaarlijks op jaareinde getest worden en die onder de vorm van een conformiteitsverklaring op de website van de Onderneming geplaatst worden. Omwille van de 'ring fencing' van de retail obligatielening zijn de financiële convenanten enkel gerelateerd tot Long Fresh:

  • EBITDA ten opzichte van interestbetalingen (≥ 3,00 per 31 maart 2017)
  • schuld ten opzichte van balanstotaal (≤ 0,65 per 31 maart 2017)

Er werden per 31 maart 2017 geen inbreuken op de convenanten vastgesteld en ook per 31 maart 2016 was dit het geval.

Daarnaast dient voor de retail obligatielening op halfjaarlijkse basis voldaan te worden aan een garanten dekkingsvereiste. Daarbij bedraagt de totale activa van Greenyard samen met de Garanten onder de obligatielening niet minder dan 75% van de totale activa van het segment Long Fresh. Over deze garanten dekkingsvereiste-test wordt eveneens gerapporteerd in de conformiteitsverklaring.

7.3.5. Zekerheden

In december 2016 heeft de Groep haar bankfaciliteiten succesvol geherfinancierd en is zij de Facilities Agreement aangegaan, bestaande uit een termijnlening van € 150,0m en een wentelkrediet van € 225,0m. Deze kredietfaciliteiten zijn gewaarborgd door verschillende soorten waarborgen op activa. In het algemeen omvatten activa hoofdzakelijk aandelen, geldmiddelen en kasequivalenten, materiële vaste activa, voorraden, handels- en overige vorderingen van de dochterondernemingen van de Groep, gevestigd in België, Nederland, Polen, Verenigd Koninkrijk, Spanje en Duitsland en worden deze gewaarborgd door pandrecht of door middel van hypothecaire zekerheden. Op 31 maart 2017 bedragen de totale gewaarborgde activa € 709,6m op geconsolideerde basis, dus met uitsluiting van de intragroepsposities, waarvan € 154,0m materiële vaste activa, € 455,8m voorraden en vorderingen en € 99,8m geldmiddelen en kasequivalenten.

7.3.6. Bank- en zakelijke garanties

De Groep heeft op 31 maart 2017 uitstaande bankgaranties voor een bedrag van € 14,8m en uitstaande zakelijke garanties voor € 54,7m. De garanties werden voornamelijk afgesloten ten behoeve van fiscale autoriteiten, verhuurders, huurders, kredietverstrekkers en leveranciers. Deze garanties omvatten bankgaranties die niet gerelateerd zijn tot de normale bedrijfsactiviteiten voor € 2,6m.

7.4. Verbonden partijen

Transacties tussen Greenyard NV en haar dochterondernemingen werden geëlimineerd in de consolidatie en worden bijgevolg niet opgenomen in deze toelichting. Transacties met joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden mee opgenomen.

Voor een overzicht van de toepassing van artikel 523 en artikel 524 van het Wetboek van vennootschappen verwijzen we naar het hoofdstuk Corporate Governance in het verslag van de Raad van Bestuur.

The Fruit Farm Group

The Fruit Farm Group, handelend in naam van zijn dochterondernemingen, heeft een overeenkomst voor het verkopen, marketing voeren en verdelen van fruit afgesloten met Greenyard Fresh Holding BE NV (voorheen FieldLink NV) voor een periode van december 2014 tot december 2019, handelend in naam van zijn verbonden ondernemingen. In deze overeenkomst heeft The Fruit Farm Group Fresh aangewezen als zijn strategische partner om fruit te behandelen, verdelen en verhandelen op een 'free consignment' basis en inclusief een bodemprijsmechanisme. De goederen worden getransporteerd door de dochterondernemingen van The Fruit Farm Group naar de haven van bestemming op een CIF basis waarbij kosten, douanerechten en risico's gedragen worden door deze dochterondernemingen. Fresh zal 'pre-season' voorschotten beschikbaar maken voor de dochterondernemingen van The Fruit Farm Group. Deze kunnen afgetrokken worden van de finale verkoopprijs gerealiseerd door de Groep, na aftrek van kosten, voorafgaand aan de betaling aan de dochterondernemingen van The Fruit Farm Group. Indien er op het einde van een seizoen een saldo verschuldigd is aan Fresh, zullen The Fruit Farm Group en Fresh een akkoord sluiten over de betalingsvoorwaarden.

The Fruit Farm Group is uiteindelijk eigendom van de preferente aandeelhouder van de Groep.

Orchards Invest Services

Orchards Invest Services, handelend in naam van zijn dochterondernemingen, heeft een overeenkomst voor het verwerken, marketing voeren en verdelen van fruit afgesloten met Greenyard Fresh Holding BE NV (voorheen FieldLink NV) voor een periode van januari 2012 tot juni 2017, handelend in naam van zijn verbonden ondernemingen. In deze overeenkomst heeft Orchards Invest Services Fresh aangewezen als zijn exclusieve strategische partner om fruit te behandelen, verdelen en verhandelen op een 'free consignment' basis van en inclusief een bodemprijs mechanisme. De goederen worden getransporteerd door de dochterondernemingen van Orchards Invest Services naar de haven van bestemming op een CIF basis waarbij kosten, douanerechten en risico's gedragen worden door deze dochterondernemingen. Fresh zal 'pre-season' voorschotten beschikbaar maken voor de dochterondernemingen van Orchards Invest Services. Deze kunnen afgetrokken worden van de finale verkoopprijs gerealiseerd door Fresh, exclusief kosten, voorafgaand aan betaling aan Orchards Invest Services. Indien er op het einde van een seizoen een saldo verschuldigd is aan Fresh, zullen Orchards Invest Services Group en Fresh een akkoord sluiten over de betalingsvoorwaarden.

Orchards Invest Services is uiteindelijk eigendom van de preferente aandeelhouder van de Groep.

Verbonden partijen 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
The Fruit Farm Group
Aankopen producten, diensten en diverse goederen 47.411 44.773
Verkopen diensten en diverse goederen 3.771 3.106
Interest- en soortgelijke opbrengsten - 413
Handelsvorderingen inclusief voorschotten 2.225 6.913
Handelsschulden 1.303 596
Overige vorderingen (rekening-courant/leningen) - 13.352
Orchards Invest Services
Aankopen producten, diensten en diverse goederen 8.982 4.249
Verkopen diensten en diverse goederen 174 674
Interest- en soortgelijke opbrengsten - 322
Handelsvorderingen inclusief voorschotten 65 8.150
Handelsschulden 19 369
Overige vorderingen (rekening-courant/leningen) - 7.910
De Weide Blik
Aankopen producten, diensten en diverse goederen - 1.939
Verkopen diensten en diverse goederen - 416
Verkoop van geassocieerde ondernemingen - 5.058
Handelsvorderingen inclusief voorschotten 5 429
Handelsschulden - 29
Overige vorderingen (rekening-courant/leningen) - 135
Joint ventures
Aankopen producten, diensten en diverse goederen 17.015 13.901
Verkopen diensten en diverse goederen 716 907
Interest- en soortgelijke opbrengsten 67 66
Handelsvorderingen inclusief voorschotten 125 1.588
Handelsschulden 2.036 2.966

De vergoeding van de Raad van Bestuur en het Leadership team kan als volgt worden samengevat:

Verbonden partijen: vergoedingen 31 maart 2017
€'000
31 maart 2016
€'000
Raad van Bestuur 916 819
Leadership team 3.849 3.084

Bovenvermelde vergoedingen hebben allemaal een korte termijnkarakter.

De vergoeding van de Raad van Bestuur omvat de kost van de Uitvoerend Voorzitter.

Het Leadership team omvat de CEO en de leden van het Leadership Team (zie hoofdstuk Corporate Governance verklaring in het jaarverslag van de Raad van Bestuur).

De toelichtingen met betrekking tot de Belgische Corporate Governance Code zijn opgenomen in het hoofdstuk Corporate Governance verklaring in het jaarverslag van de Raad van Bestuur.

7.5. Gebeurtenissen na balansdatum

De Groep kondigde op 14 juni 2017 de overname van Mykogen Polska S.A. aan, een toonaangevende producent van topkwaliteit champignonsubstraat. De overname is onder voorbehoud van het verkrijgen van de vereiste wettelijke goedkeuringen alsook goedkeuring van derde partijen en andere gebruikelijke voorwaarden.

Op 20 juni 2017 kondigde Gimv aan dat zij geen aandelen meer aanhouden in de Onderneming, hierdoor stijgt het aantal vrij verhandelbare aandelen.

Er zijn geen andere belangrijke gebeurtenissen na balansdatum die een belangrijke impact hebben op de verdere evolutie van de Onderneming.

7.6. Bezoldigingen commissaris

Gedurende AY16/17, werden er door de commissaris en met hem beroepshalve in samenwerkingsverband opererende personen bijzondere opdrachten uitgevoerd ten belope van € 0,4m. Deze opdrachten betreffen bijkomende auditopdrachten en belastingadviesdiensten.

De auditbezoldigingen van de Groep voor het boekjaar afgesloten op 31 maart 2017 bedroegen € 1,5m.

Alle additionele bezoldigingen werden vooraf voorgelegd aan het Auditcomité ter goedkeuring. Het Auditcomité van de Groep heeft beslist tot deze uitbreiding.

VERKLARING VAN DE VERANTWOORDELIJKE PERSONEN

Verklaring met betrekking tot de informatie gegeven in dit financieel verslag voor de 12 maanden eindigend op 31 maart 2017.

Sint-Katelijne-Waver, 5 juli 2017

De ondergetekenden verklaren, in naam en voor rekening van Greenyard NV, dat voor zover hen bekend:

  • De jaarrekening, die is opgesteld overeenkomstig de toepasselijke standaarden voor jaarrekeningen, een getrouw beeld geven van het eigen vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van Greenyard NV en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen;
  • Het financieel verslag voor de 12 maanden eindigend op 31 maart 2017 een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van Greenyard NV en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, evenals een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.

Deprez Invest NV, vertegenwoordigd door dhr. Hein Deprez, voorzitter van de Raad van Bestuur

Mavac BVBA, vertegenwoordigd door mevr. Marleen Vaesen, CEO

PDN BVBA, vertegenwoordigd door dhr. Karl Peeters, CFO

VERSLAG VAN DE COMMISSARIS OVER DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

VERKORTE STATUTAIRE JAARREKENING VAN DE MOEDERVENNOOTSCHAP GREENYARD NV, OPGESTELD VOLGENS BELGISCHE BOEKHOUDNORMEN

De statutaire jaarrekening van de moedervennootschap, Greenyard NV, wordt hierna in verkorte vorm weergegeven. De commissaris heeft een goedkeurende verklaring gegeven met betrekking tot de statutaire jaarrekening van Greenyard NV. In overeenstemming met de Belgische vennootschapswetgeving zullen het jaarverslag en de jaarrekening van Greenyard NV samen met het verslag van de commissaris worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.

Deze verslagen zijn beschikbaar op onze website www.greenyard.group en, op verzoek op volgend adres:

Greenyard NV Strijbroek 10 BE – 2860 Sint-Katelijne-Waver België www.greenyard.group

ACTIVA Codes 31 maart 2017 31 maart 2016
€'000 €'000
VASTE ACTIVA 20/28 334.411 309.929
Oprichtingskosten 20 1.638 3.575
Immateriële vaste activa 21 50 15.398
Materiële vaste activa 22/27 7.354 28.223
Terreinen en gebouwen 22 6.806 7.110
Installaties, machines en uitrusting 23 - 20.012
Meubilair en rollend materieel 24 - 178
Leasing en soortgelijke rechten 25 - -
Overige materiële vaste activa 26 - 11
Activa in aanbouw en vooruitbetalingen 27 548 913
Financiële vaste activa 28 325.369 262.732
Verbonden ondernemingen 280/1 325.369 262.708
Deelnemingen 280 325.369 262.708
Vorderingen 281 - -
Ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat 282/3 - -
Deelnemingen 282 - -
Vorderingen 283 - -
Overige financiële vaste activa 284/8 - 24
Aandelen 284 - -
Vorderingen en borgtochten in contanten 285/8 - 24
VLOTTENDE ACTIVA 29/58 423.433 422.903
Vorderingen op meer dan één jaar
29 373.708 311.070
Handelsvorderingen 290 - -
Overige vorderingen 291 373.708 311.070
Voorraden en bestellingen in uitvoering 3 - 34.228
Voorraden 30/36 - 34.228
Grond- en hulpstoffen 30/31 - 1.398
Goederen in bewerking 32 - -
Gereed product 33 - 32.830
Handelsgoederen 34 - -
Onroerende goederen bestemd voor verkoop 35 - -
Vooruitbetalingen 36 - -
Bestellingen in uitvoering 37 - -
Vorderingen op ten hoogste één jaar 40/41 32.358 65.535
Handelsvorderingen 40 10.143 34.988
Overige vorderingen 41 22.214 30.547
Geldbeleggingen 50/53 - -
Eigen aandelen 50 - -
Overige beleggingen 51/53 - -
Liquide middelen 54/58 1.496 11.268
Overlopende rekeningen 490/1 15.872 802
PASSIVA Codes 31 maart 2017 31 maart 2016
€'000 €'000
EIGEN VERMOGEN 10/15 458.279 363.683
Kapitaal 10 293.852 293.852
Geplaatst kapitaal 100 293.852 293.852
Niet-opgevraagd kapitaal 101 - -
Uitgiftepremies 11 - -
Herwaarderingsmeerwaarden 12 - -
Reserves 13 32.637 11.028
Wettelijke reserve 130 9.474 4.300
Onbeschikbare reserves 131 16.460 25
Voor eigen aandelen 1310 16.436 -
Andere 1311 25 25
Belastingsvrije reserves 132 1.477 1.477
Beschikbare reserves 133 5.226 5.226
Overgedragen winst 140 131.790 58.797
Overgedragen verlies (-) 141 - -
Kapitaalsubsidies 15 - 6
VOORZIENINGEN EN UITGESTELDE BELASTINGEN 16 - 219
Voorzieningen en uitgestelde belastingen 16 - 219
Voorzieningen voor risico's en kosten 160/5 - 218
Pensioenen en soortgelijke verplichtingen 160 - 31
Belastingen 161 - -
Grote herstellings- en onderhoudswerken 162 - -
Overige risico's en kosten 163/5 - 188
Uitgestelde belastingen 168 - 1
SCHULDEN 17/49 299.566 368.929
Schulden op meer dan één jaar 17 150.000 207.251
Financiële schulden 170/4 150.000 207.251
Achtergestelde leningen 170 - -
Niet-achtergestelde obligatieleningen 171 150.000 150.000
Leasingschulden en soortgelijke schulden
Kredietinstellingen
172
173
-
-
-
-
Overige leningen 174 - 57.251
Handelsschulden 175 - -
Leveranciers 1750 - -
Te betalen wissels 1751 - -
Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen 176 - -
Overige schulden 178/9 - -
Schulden op ten hoogste één jaar 42/48 142.987 146.709
Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen 42 - -
Financiële schulden 43 27.897 72.635
Kredietinstellingen 430/8 10.000 72.635
Overige leningen 439 17.897 -
Handelsschulden 44 5.598 38.753
Leveranciers 440/4 5.598 38.753
Te betalen wissels 441 - -
Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen 46 - -
Schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen e
n sociale
lasten 45 433 3.487
Belastingen 450/3 265 171
Bezoldigingen en sociale lasten 454/9 168 3.316
Overige schulden 47/48 109.059 31.834
Overlopende rekeningen 492/3 6.579 14.969
TOTAAL PASSIVA 10/49 757.844 732.831
WINST- EN VERLIESREKENING Codes AY 16/17 AY 15/16
€'000 €'000
Bedrijfsopbrengsten 70/76A 158.521 174.755
Omzet 70 114.898 161.296
Voorraad goederen in bewerking en gereed product en bestellingen in
uitvoering: toename (+) ; afname (-) 71 9.149 -1.826
Geproduceerde vaste activa 72 - -
Overige bedrijfsopbrengsten 74 8.845 15.257
Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten 76A 25.629 28
Bedrijfskosten 60/66A 128.166 171.720
Handelsgoederen, grond-en hulpstoffen 60 82.735 106.378
Aankopen 600/8 84.745 106.728
Voorraad: afname (+) ; toename (-) 609 -2.010 -350
Diensten en diverse goederen 61 20.554 36.422
Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen 62 11.447 18.045
Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, op
630 4.132 6.231
immateriële en materiële vaste activa
Waardeverminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en 631/4 52 -100
handelsvorderingen: toevoegingen (+) ; terugnemingen (-)
Voorzieningen voor risico's e
n kosten: toevoegingen (+); bestedingen
635/7 -164 28
en terugnemingen (-)
Overige bedrijfskosten 640/8 9.409 4.717
Als herstructureringskosten geactiveerde bedrijfskosten 649 - -
Niet-recurrente bedrijfskosten 66A - -
Bedrijfswinst /-verlies (-) 9901 30.356 3.035
Financiële opbrengsten 75/76B 95.152 35.663
Recurrente financiële opbrengsten 75 39.199 35.663
Opbrengsten uit financiële vaste activa 750 16.500 1
Opbrengsten uit vlottende activa 751 17.845 12.169
Overige financiële opbrengsten 752/9 4.854 23.493
Niet-recurrente financiële opbrengsten 76B 55.953 -
Financiële kosten 65/66B 22.025 21.657
Recurrente financiële kosten 65 13.286 21.657
Kosten van schulden 650 12.642 14.356
Waardeverminderingen op vlottende activa andere dan
voorraden, bestellingen in uitvoering en 651 - 3
handelsvorderingen: toevoegingen (+); terugneming (-)
Overige financiële kosten 652/9 644 7.298
Niet-recurrente financiële kosten 66B 8.739 -
Winst/Verlies (-) van het boekjaar voor belasting 9903 103.482 17.040
Onttrekkingen aan de uitgestelde belastingen 780 1 1
Overboeking naar de uitgestelde belastingen 680 - -
Belastingen op het resultaat 67/77 7 5
Belastingen 670/3 7 5
Regularisering van belastingen e
n terugneming van voorzieningen
voor belastingen 77 - -
Winst/verlies (-) van het boekjaar 9904 103.476 17.036
Onttrekking aan de belastingvrije reserves 789 - -
Overboeking naar de belastingvrije reserves 689 - -
Te bestemmen winst/verlies (-) van het boekjaar 9905 103.476 17.036
RESULTAATVERWERKING Codes AY 16/17 AY 15/16
€'000 €'000
Te bestemmen winst/verlies (-) 9906 162.274 68.524
Te bestemmen winst/verlies (-) van het boekjaar (9905) 103.476 17.036
Overgedragen winst/verlies (-) van het vorige boekjaar 14P 58.797 51.488
Onttrekking aan het eigen vermogen 791/2 - -
aan het kapitaal en aan de uitgiftepremies 791 - -
aan de reserves 792 - -
Toevoegingen aan het eigen vermogen 691/2 21.609 852
aan het kapitaal en aan de uitgiftepremies 691 - -
aan de wettelijke reserves 6920 5.174 852
aan de overige reserves 6921 16.436 -
Over te dragen winst/verlies (-) (14) 131.790 58.797
Tussenkomst van de vennoten in het verlies 794 - -
Uit te keren winst 694/7 8.875 8.875
Vergoeding van het kapitaal 694 8.875 8.875
Bestuurders of zaakvoerders 695 - -
Werknemers 696 - -
Andere rechthebbenden 697 - -

FINANCIËLE DEFINITIES

EBIT Operationeel resultaat
WPA Winst per aandeel
LFL 'Like-for-like', op vergelijkbare basis
Liquiditeit Vlottende activa (incl. activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop)/kortlopende
verplichtingen (incl. verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerd als aangehouden
voor verkoop).
Nettoschuld / NFD Rentedragende
schulden
(aan
nominale
waarde)
verminderd
met
derivaten,
geldbeleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten, behalve voor Fresh en Horticulture
waarbij derivaten niet meegeteld worden bij de netto financiële schuld.
Eénmalige kosten en opbrengsten Eénmalige kosten en opbrengsten zijn kosten en opbrengsten die naar het oordeel van het
management als dusdanig moeten worden gerapporteerd op grond van hun omvang of aard.
Zulke posten worden weergegeven in de geconsolideerde winst- en verliesrekening van de
Groep of apart opgenomen in de toelichting van de jaarrekening. Verrichtingen die
aanleiding kunnen geven tot éénmalige kosten en opbrengsten zijn voornamelijk (niet
limitatief): herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, winsten of verliezen uit
desinvesteringen en uit IFRS 3 overname-accounting en het effect van een versnelde
terugbetaling van een bepaalde financiële schuldenlast.
REBITDA EBIT gecorrigeerd voor afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen exclusief
éénmalige kosten en opbrengsten en EBIT gecorrigeerd voor afschrijvingen en bijzondere
waardeverminderingen van beëindigde activiteiten van beperkte omvang.
Werkkapitaal Werkkapitaal is de som van de voorraden, handels- en overige vorderingen (vast en
vlottend) en handels- en overige schulden (op ten hoogste één jaar). In dit opzicht worden
handels- en overige vorderingen gecorrigeerd voor (financiële) langetermijnvorderingen en
verkregen interestopbrengsten en worden handels- en overige schulden gecorrigeerd voor
toe te rekenen interestkosten.
AY 16/17 Boekjaar eindigend per 31 maart 2017
AY 15/16 Boekjaar eindigend per 31 maart 2016

Over Greenyard

Greenyard (Euronext Brussels: GREEN) is een globale marktleider in verse en bereide groenten & fruit, bloemen & planten en substraten. De Groep bedient een klantenbasis die onder andere de belangrijkste retailers in Europa omvat en biedt efficiënte en duurzame oplossingen voor klanten en leveranciers door aanbod van superieure producten, marktleidende innovaties, operationele excellence en een uitstekende dienstverlening.

Onze visie is mensen helpen gezonder te leven door hen te laten genieten van groenten en fruit op elk moment, op een makkelijke, snelle en aangename manier, met respect voor de natuur.

Greenyard telt meer dan 9,000 werknemers en is actief in 25 landen wereldwijd. Greenyard beschouwt haar werknemers en de relaties met haar belangrijkste klanten en leveranciers als haar belangrijkste activa die haar in staat stellen een omzet van ongeveer € 4,25 miljard op jaarbasis te realiseren.

www.greenyard.group

Greenyard Corporate Office / Strijbroek 10 / 2860 Sint-Katelijne-Waver

for a healthier future