Governance Information • Apr 18, 2025
Governance Information
Open in ViewerOpens in native device viewer
| 1 2 |
DE VENNOOTSCHAP 3 WETTELIJKE STRUCTUUR 4 |
||||
|---|---|---|---|---|---|
| 3 | CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING 6 | ||||
| 3.1 | Samenstelling van de bestuursorganen op 31 december 2024 7 | ||||
| 3.1.1 | Raad van bestuur 7 | ||||
| 3.1.2 | Adviserende comités van de raad van bestuur 8 | ||||
| 3.1.3 | College van commissarissen 8 | ||||
| 3.1.4 | College van dagelijks bestuur 8 | ||||
| 3.1.5 | Secretaris-generaal 9 | ||||
| 3.2 | Raad van bestuur 10 | ||||
| 3.2.1 | Benoemingsprocedure, termijn en einde van mandaten 10 | ||||
| 3.2.2 | Specifieke vereisten voor leden van de raad van bestuur 10 | ||||
| 3.2.3 | Huidige samenstelling van de raad van bestuur 11 | ||||
| 3.2.4 | Wijzigingen in de samenstelling van de raad van bestuur 12 | ||||
| 3.2.5 | Duur en einde van bestuursmandaten 12 | ||||
| 3.2.6 3.2.7 |
Bevoegdheden van de raad van bestuur 13 Vergadering en besluitvorming 15 |
||||
| 3.2.8 | Activiteitenverslag 15 | ||||
| 3.2.9 | Belangenconflict 16 | ||||
| 3.2.10 | Adviserende comités 16 | ||||
| 3.2.11 Secretaris van de Raad van Bestuur 17 | |||||
| 3.2.12 Interacties met het College van dagelijks bestuur 17 | |||||
| 3.2.13 Interacties met de aandeelhouders 17 | |||||
| 3.2.14 Evaluatie 18 | |||||
| 3.3 Benoemings- en vergoedingscomité 18 | |||||
| 3.3.1 Samenstelling 18 | |||||
| 3.3.2 Bevoegdheden 18 | |||||
| 3.3.3 Activiteitenverslag 19 | |||||
| 3.4 Auditcomité 20 | |||||
| 3.4.1 Samenstelling 20 | |||||
| 3.4.2 Bevoegdheden 21 | |||||
| 3.4.3 Activiteitenverslag 23 | |||||
| 3.5 Strategisch comité 23 | |||||
| 3.5.1 Samenstelling 23 | |||||
| 3.5.2 Bevoegdheden 24 | |||||
| 3.6 College van dagelijks bestuur 25 | |||||
| 3.6.1 Samenstelling van het College van dagelijks bestuur op 31 december 2024 25 | |||||
| 3.6.2 Bevoegdheden van het College van dagelijks bestuur 25 | |||||
| 3.6.3 Vergaderingen en besluitvorming 26 | |||||
| 3.6.4 Wijziging van de samenstelling van het College van dagelijks bestuur 27 | |||||
| 3.7 College van commissarissen 27 | |||||
| 3.8 Belangrijke gebeurtenissen in 2024 27 | |||||
| 3.8.1 Wijziging van de statuten op 21 mei 2024 27 | |||||
| 3.8.2 Wijziging van de statuten op 21 juni 2024 28 | |||||
| 3.8.3 BENOEMING VAN BERNARD GUSTIN ALS CEO 28 | |||||
| 3.8.4 ANDERE BELANGRIJKE GEBEURTENISSEN 28 | |||||
| 3.9 Gedragscode, Ethische code en Corporate Governance Charter 28 | |||||
| 3.10 Openbaarmakingsverplichtingen 29 | |||||
| 3.11. Kapitaalstructuur 30 | |||||
| 3.12 Remuneratieverslag 34 | |||||
| 5. | BELANGRIJKE GEBEURTENISSEN IN 2024 36 | ||||
| 6. | TOELICHTING BIJ DE JAARREKENING 44 | ||||
| 6.1 Algemene toelichting 44 |
| 6.2.1 Balans 44 6.2.2. Resultatenrekening 47 7. FINANCIËLE INSTRUMENTEN 49 8. VOORNAAMSTE GEBEURTENISSEN DIE ZICH HEBBEN VOORGEDAAN NA DE SLUITING VAN HET BOEKJAAR 49 9. BEZOLDIGINGEN VAN DE COMMISSARISSEN 50 10. ONDERZOEK EN ONTWIKKELING 50 11. BIJKANTOREN 50 12. CONTINUITEIT 50 13. BELANGENCONFLICT 51 14. BEHEERSSYSTEEM VOOR RISICO'S EN OPPORTUNITEITEN 51 14.1. TOELICHTING BIJ ONS RISICOBEHEER 51 14.1.2. INTRODUCTIE 51 14.1.3. PROCES EN REFERENTIEKADER VAN HET RISCICOBEHEER 54 14.1.4. GOVERNANCE OP HET GEBIED VAN RISICOBEHEER 54 14.1.5. WAT IS EEN 'SUBSTANTIEEL RISICO'? 55 14.2 Risico overzicht 57 14.3 Opportuniteiten overzicht 69 |
|---|
| 14.4. Intern controlesysteem 76 |
| 14.4.1. Organisatie van de interne controle systeem 76 |
| 14.4.2. Voornaamste controleactiviteiten 76 14.4.3. Integriteit en ethiek 77 |
| 14.4.4. Intern controle- en risicobeheerssysteem betreffende het financiele rapporteringsproces78 |
| 14.4.4.1. Rollen en verantwoordelijkheden 78 |
| 14.4.4.2. Risicobeheer 79 |
| 14.4.4.3. Controleactiviteiten 79 |
| 14.4.4.4. Informatie en communicatie 79 |
| 14.4.4.5. Controle 80 |
| 14.4.4.6. Interne controle- en risicobeheerssysteem betreffende het niet-financiele |
| rapporteringsproces 80 |
| 15. REGELGEVEND KADER IN BELGIË 83 |
| 15.1 Federale wetgeving 83 |
| 15.2 Gewestelijke wetgevingen 83 |
| 15.3 Regelgevende instanties 83 |
| 15.4 Tariefbepaling 84 |
| 16. REGELGEVEND KADER IN DUITSLAND 90 |
| 16.1 Relevante wetgeving 90 |
| 16.2 Regelgevende instanties in Duitsland 90 |
| 16.3 Tarieven in Duitsland 90 17. REGELGEVEND KADER VOOR DE NEMO LINK INTERCONNECTOR 94 |
Elia Group NV is een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid met maatschappelijke zetel te Keizerslaan 20, 1000 Brussel, in België.
Elia Group NV, (de "Vennootschap" of "EG") (voorheen Elia System Operator NV) werd opgericht naar Belgisch recht op 20 december 2001.
Eind van 2019, heeft een reorganisatie plaatsgevonden om de gereguleerde activiteiten van de groep in België te isoleren en af te schermen ('ring-fencing') van de niet-gereguleerde activiteiten en van de gereguleerde activiteiten buiten België.
In dat kader werd Elia System Operator NV ("ESO"), de TNB, omgevormd tot een holdingvennootschap die werd omgedoopt tot Elia Group NV, en werd er een nieuwe dochteronderneming Elia Transmission Belgium NV ("ETB") opgericht, die de Belgische gereguleerde activiteiten van ESO, met inbegrip van de schuldenlast in verband met die activiteiten, overnam.
Elia Group heeft aandelen in verschillende dochterondernemingen, inclusief ETB en Eurogrid International NV, dat zeggenschap heeft over 50Hertz Transmission GmbH ("50Hertz"), een TNB die actief is in Duitsland, en Elia Grid International NV ("EGI"). Elia Group, via haar dochteronderneming ETB, heeft ook een belang van 50% in Nemo Link Ltd, dat een elektrische interconnector heeft gebouwd tussen het VK en België die bekend staat als de Nemo Link-interconnector. Nemo Link Ltd is een joint venture tussen Elia Transmission Belgium NV en National Grid Ventures (uit het VK).
Sinds 2022 ontwikkelt de Groep ook zijn niet-gereguleerde activiteiten via zijn dochteronderneming Windgrid, met onder andere uitbreidingsambities in de Verenigde Staten, die begin 2024 zijn geconcretiseerd door een participatie in energyRe Giga Projects USA LLC.
De structuur van de Vennootschap, als holdingmaatschappij, wordt hieronder schematisch weergegeven:

De ondernemingen waar EG hoofdaandeelhouder is, zijn de volgende:
De deelnemingen van de groep zijn:
De minderheidsdeelnemingen van de groep zijn:
Deze corporate governance verklaring bevat de belangrijkste aspecten van het corporate governancebeleid van Elia Group NV, inclusief alle relevante informatie over gebeurtenissen die de governance van Elia Group NV tijdens het boekjaar 2024 hebben beïnvloed.
Wat de samenstelling van de bestuursorganen van Elia Group NV betreft, weerspiegelt deze corporate governance verklaring de situatie binnen de vennootschap op 31 december 2024.
In 2024, steunde de corporate governance van Elia Group NV op de volgende pijlers:
Deze corporate governance verklaring bevat daarnaast de gegronde redenen voor het afwijken van de volgende bepalingen van de Corporate Governance Code 2020:
In overeenstemming met de Corporate Sustainability Reporting Directive ("CSRD") 5 en de implementatie ervan in de Belgische wetgeving, is Elia Group NV verplicht om vanaf 2025 een volledig duurzaamheidsverslag op te stellen met betrekking tot het boekjaar 2024 dat voldoet aan de European Sustainability Reporting Standards ("ESRS") 6 . In dit verband wordt verwezen naar het Geïntegreerd Jaarverslag met betrekking tot het boekjaar 2024.
1 De (Belgische) Corporate Governance Code 2020 is beschikbaar op de website van de Commissie Corporate Governance (www.corporategovernancecommittee.be).
2 Het (Belgische) Wetboek van vennootschappen en verenigingen is beschikbaar op de website van de FOD Justitie (http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/wet.pl).
3 De statuten van Elia Group NV zijn beschikbaar op de website van Elia Group NV (https://www.eliagroup.eu/en/about-eliagroup/corporate-governance/corporate-bodies#5).
4 Het Corporate Governance Charter van Elia Group NV is beschikbaar op de website van Elia Group NV (https://www.eliagroup.eu/en/about-elia-group/corporate-governance/corporate-bodies#5).
5 Richtlijn (EU) 2022/2464 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 537/2014, Richtlijn 2004/109/EG, Richtlijn 2006/43/EG en Richtlijn 2013/34/EU, met betrekking tot duurzaamheidsrapportering door ondernemingen.
6 Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/2772 van de Commissie van 31 juli 2023 tot aanvulling van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft standaarden voor duurzaamheidsrapportage.
Er werden geen nieuwe leden benoemd binnen de Raad van Bestuur (of de adviserende comités) in 2024. 8
Op 12 december 2024 heeft de Raad van Bestuur van Elia Group NV Bernard Gustin tot CEO en Voorzitter van het College van dagelijks bestuur van Elia Group NV benoemd met ingang vanaf 15 januari 2025. Volgend op deze benoeming als CEO heeft Bernard Gustin zijn vrijwillig ontslag aangeboden als onafhankelijk bestuurder van Elia Group NV en haar dochtervennootschappen Elia Transmission Belgium NV en Elia Asset NV; dit vrijwillig ontslag ging in na afloop van de vergadering van de Raad van Bestuur van 12 december 2024. Vanaf 1 april 2025 wordt Marco Nix de voltijdse CFO van Elia Group NV. Catherine Vandenborre, die de rol van CEO Ad Interim en CFO van Elia Group NV op zich nam, heeft haar vrijwillig ontslag aangeboden en zal in functie blijven tijdens een overgangsperiode tot 30 juni 2025.9
• Geert Versnick, niet-uitvoerend bestuurder10
• Bernard Thiry, niet-uitvoerend bestuurder benoemd op voorstel van Publi-T CV
7 De Raad van Bestuur van Elia Group NV was per 31 december 2024 samengesteld uit 11 niet-uitvoerende bestuurders sinds het vrijwillig ontslag van Bernard Gustin als niet-uitvoerend onafhankelijk bestuurder en Voorzitter van de Raad van Bestuur van Elia Group NV na zijn benoeming als Chief Executive Officer door de Raad van Bestuur op 12 december 2024. De Raad van Bestuur bevat geen vertegenwoordiging van werknemers of arbeiders. De werknemers en arbeiders zijn behoorlijk en adequaat vertegenwoordigd in de ondernemingsraad die werd opgericht in overeenstemming met het WVV en de Belgische wet van 20 september 1948 houdende organisatie van het bedrijfsleven.
8 Aangezien er in 2024 geen nieuw benoemde leden waren binnen de Raad van Bestuur (of zijn adviserende comités), hoefde er voor dergelijke nieuwe leden geen beoordeling te worden uitgevoerd met betrekking tot vergelijkbare posities in het openbaar bestuur in de laatste twee verslagperioden (d.w.z. boekjaar 2023 en 2022).
9 Het persbericht over deze benoemingen en ontslagen kan worden gevonden op de website van Elia Group NV (https://www.elia.be/nl/press/2024/12/202412_pressrelease).
10 Geert Versnick is Voorzitter van de Raad van Bestuur vanaf 12 december 2024 ter vervanging van Bernard Gustin.
3.1.2.1 BENOEMINGS- EN VERGOEDINGSCOMITÉ11
11 De buitengewone algemene vergadering van 21 juni 2023 keurde de wijziging van de statuten goed, die nu bepalen dat het benoemingscomité en het vergoedingscomité samengevoegd tot één nieuw "benoemings- en vergoedingscomité".
12 EY Bedrijfsrevisoren BV en BDO Bedrijfsrevisoren BV werden herbenoemd als commissarissen van de Vennootschap door de gewone algemene vergadering van 16 mei 2023, op advies van de ondernemingsraad van de Vennootschap en op voorstel van de raad van bestuur na aanbeveling van het auditcomité. Bij deze gelegenheid werd Félix Fank van BDO Bedrijfsrevisoren BV vervangen door Michael Delbeke.
13Catherine Vandenborre heeft haar ontslag aangeboden als Chief Executive Officer Ad Interim en Chief Financial Officer op 12 december 2024. Bernard Gustin heeft haar rol als Chief Executive Officer overgenomen vanaf 15 januari 2025. Marco Nix heeft haar rol als voltijds Chief Financial Officer overgenomen vanaf 1 april 2025. Catherine Vandenborre zal Elia Group NV bijstaan tijdens de overgangsperiode tot 30 juni 2025.
• Frédéric Dunon (Chief Executive Officer Elia Transmission Belgium SA en Elia Asset NV)14
• Siska Vanhoudenhoven
14 Frédéric Dunon werd op 5 maart 2024 door de Raad van Bestuur van Elia Group NV benoemd tot lid van het College van dagelijks bestuur van Elia Group NV na een positieve aanbeveling van het benoemings- en vergoedingscomité.
Op 31 december 2024 bestond de Raad van Bestuur van Elia Group NV uit elf leden15. Volgens de statuten mag de Raad van Bestuur, indien één of meer bestuursmandaten openvallen waardoor de Raad van Bestuur tijdelijk minder dan twaalf (12) leden telt, in afwachting van de coöptatie of benoeming van (een) nieuwe bestuurder(s) overeenkomstig artikel 12.3, geldig beraadslagen en besluiten met het aantal leden dat de Raad van Bestuur op dat ogenblik telt.
Minstens drie leden van de Raad van Bestuur zijn onafhankelijke bestuurders in de zin van de toepasselijke wettelijke (artikel 7:87 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en bepaling 3.5 van de Corporate Governance Code 2020) en statutaire (artikel 13.3 van de statuten) bepalingen. Alle leden worden benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders en kunnen door haar worden afgezet.
De onafhankelijke bestuurders worden voorgesteld voor benoeming door de Raad van Bestuur aan de gewone algemene vergadering op aanbeveling van het benoemings- en vergoedingscomité. De nietonafhankelijke bestuurders worden benoemd door de gewone algemene vergadering op voorstel van Publi-T CV, in overeenstemming met artikel 13.2 van de statuten van Elia Group NV. De bestuurders van Elia Group NV worden benoemd of herbenoemd voor een maximale periode van zes jaar.
De maximale duur van zes jaar van de bestuursmandaten wijkt af van de maximale duur van vier jaar aanbevolen door bepaling 5.6 van de Corporate Governance Code 2020. De maximale termijn van zes jaar is gerechtvaardigd in het licht van de technische, financiële en juridische bijzonderheden en complexiteiten die gelden binnen de groep en die een zeker ervaringsniveau vereisen dat wordt bereikt door continuïteit in de samenstelling van de Raad van Bestuur.
De statuten bepalen dat de raad van bestuur uitsluitend is samengesteld uit niet-uitvoerende bestuurders.
Bovendien mogen de leden van de raad van bestuur, in overeenstemming met de statuten, geen lid zijn van de raad van toezicht, de raad van bestuur of de organen die wettelijk een onderneming vertegenwoordigen die één van de volgende functies vervult: productie of levering van elektriciteit. Evenmin mogen de leden van de raad van bestuur een andere functie of activiteit uitoefenen, al dan niet bezoldigd, ten dienste van een onderneming bedoeld in de voorgaande zin.
Naast de wettelijke vereisten inzake onafhankelijkheid (zie hierboven) worden de onafhankelijke bestuurders benoemd deels om hun kennis inzake financieel beheer en deels om hun relevante technische kennis van de activiteiten van de vennootschap.
15 Als gevolg van het vrijwillige ontslag van Bernard Gustin als onafhankelijk bestuurder van Elia Group SA/NV op 12 december 2024, was de Raad van Bestuur op 31 december 2024 samengesteld uit elf leden in plaats van twaalf.
Overeenkomstig de statuten en het Wetboek van vennootschappen en verenigingen moet ten minste één derde van de bestuurders van het andere geslacht zijn dan de overige twee derde.
Overeenkomstig het Corporate Governance Charter van Elia Group NV en in lijn met de bepaling 5.5 van de Corporate Governance Code 2020 mogen leden van de raad van bestuur niet meer dan vijf bestuursmandaten in genoteerde vennootschappen aanvaarden.
Voor de samenstelling van adviserende comités zijn specifieke vaardigheden vereist.
Naast de wettelijke en statutaire selectiecriteria heeft de raad van bestuur op 6 april 2023, in toepassing van bepaling 5.1 van de Corporate Governance Code 2020, bijkomende criteria goedgekeurd die van toepassing zijn op alle nieuwe bestuurders. Al deze criteria zijn terug te vinden in het Corporate Governance Charter van Elia Group NV dat gepubliceerd is op de websites www.elia.be (onder 'Over Elia', 'Corporate governance', 'Articles of Association & Corporate Governance Charter') en www.eliagroup.eu (onder 'About Elia Group', 'Corporate governance', 'Articles of association & Corporate governance charter').
De samenstelling van de raad van bestuur dient te waarborgen dat beslissingen worden genomen in het belang van Elia Group NV. Deze samenstelling wordt bepaald op basis van genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen, alsook complementariteit inzake bekwaamheden, ervaring en kennis. Daarnaast dient er bij de hernieuwing van de mandaten van de leden van de raad van bestuur op worden toegezien dat een taalevenwicht wordt bereikt en behouden binnen de groep van bestuurders met de Belgische nationaliteit.
Om de sociale deskundigheid en omgevingsdeskundigheid van de Raad van Bestuur verder te versterken en te garanderen dat de juiste vaardigheden en deskundigheid beschikbaar zijn of zullen worden ontwikkeld om toezicht te houden op duurzaamheidsaangelegenheden, zijn er voor de leden van de Raad van Bestuur, in samenwerking met deskundigen, op maat gemaakte opleidingsprogramma's beschikbaar die zich richten op strategische thema's van de Elia groep.
De Raad van Bestuur is momenteel samengesteld uit elf bestuurders. Vijf bestuurders zijn nietuitvoerende onafhankelijke bestuurders (45%) in de zin van artikel 7:87 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en bepaling 3.5 van de Corporate Governance Code 2020. De zes andere niet-uitvoerende bestuurders (55%) zijn niet-onafhankelijke bestuurders benoemd door de gewone algemene vergadering op voorstel van Publi-T CV, overeenkomstig de huidige aandeelhoudersstructuur en artikel 13.2 van de statuten van Elia Group NV (zie ook de afdeling 'Aandeelhoudersstructuur' van deze verklaring).
| DIVERSITEIT BINNEN DE RAAD VAN BESTUUR | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Aantal bestuurders per 31 december 2024 |
2024 | ||||
| Mannen | Leeftijd 35 < 54 | 1 (9%) | |||
| Leeftijd ≥ 55 | 6 (55%) | ||||
| Vrouwen | Leeftijd 35 < 54 | 1 (9%) |
| Leeftijd ≥ 55 | 3 (27%) |
|---|---|
Bernard Gustin diende zijn vrijwillig ontslag in als niet-uitvoerend onafhankelijk bestuurder en Voorzitter van de Raad van Bestuur van Elia Group NV met ingang van 12 december 2024 met het oog op zijn benoeming als Chief Executive Officer van Elia Group NV door de Raad van Bestuur vanaf 15 januari 2025.
De bestuursmandaten van Roberte Kesteman en Dominique Offergeld werden hernieuwd door de gewone algemene vergadering van 2023 voor een termijn van zes jaar, die aanving na de gewone algemene vergadering van 16 mei 2023 en die verstrijkt onmiddellijk na de afloop van de gewone algemene vergadering van 2029, met betrekking tot het boekjaar afgesloten op 31 december 2028.
Het bestuursmandaat van Frank Donck loopt af onmiddellijk na de gewone algemene vergadering van 2027 die betrekking heeft op het boekjaar eindigend op 31 december 2026.
De bestuursmandaten van Geert Versnick, Interfin CV (vast vertegenwoordigd door Thibaud Wyngaard) en Pieter De Crem lopen af onmiddellijk na de gewone algemene vergadering van 2026 die betrekking heeft op het boekjaar eindigend op 31 december 2025.
De bestuursmandaten van Laurence de l'Escaille en Pascale Van Damme lopen af onmiddellijk na de gewone algemene vergadering van 2025 die betrekking heeft op het boekjaar eindigend op 31 december 2024. Dit is ook het geval voor het mandaat van Michel Allé.
Voor de duidelijkheid wordt het einde van het mandaat van elke bestuurder waarnaar hierboven wordt verwezen, ook vermeld in de volgende tabel:
| Einde termijn | (met betrekking tot boekjaar) | |
|---|---|---|
| onmiddellijk na de | ||
| gewone algemene | ||
| vergadering te | ||
| houden in | ||
| Geert Versnick, Voorzitter | 2026 | (2025) |
| Bernard Thiry, Vice-Voorzitter | 2029 | (2028) |
| Michel Allé | 2025 | (2024) |
| Pieter De Crem | 2026 | (2025) |
| Laurence de l'Escaille | 2025 | (2024) |
| Frank Donck | 2027 | (2026) |
| Interfin CV | 2026 | (2025) |
| Roberte Kesteman | 2029 | (2028) |
| Dominique Offergeld | 2029 | (2028) |
| Pascale Van Damme | 2025 | (2024) |
| Eddy Vermoesen | 2029 | (2028) |
| Einde van de termijn onmiddellijk na de gewone algemene vergadering te houden in |
Aantal bestuurders |
|---|---|
| 2025 | 3 |
| 2026 | 3 |
| 2027 | 1 |
| 2029 | 4 |
Overeenkomstig de bepalingen van de statuten wordt de Raad van Bestuur ondersteund door drie adviserende comités: het benoemings- en vergoedingscomité, het auditcomité en het strategisch comité. De Raad van Bestuur ziet erop toe dat deze adviserende comités efficiënt werken.
Elia Group NV heeft een monistische structuur als bestuursmodel. De Raad van Bestuur heeft bijgevolg, overeenkomstig artikel 17.2 van de statuten, de bevoegdheid tot het stellen van alle handelingen, noodzakelijk of nuttig om het statutair voorwerp te verwezenlijken, met uitzondering van de handelingen die door de wet of door de statuten aan de algemene vergadering zijn voorbehouden. Aldus heeft de Raad van Bestuur onder meer de volgende bevoegdheden:
1° het goedkeuren/wijzigen van het algemeen, financieel en dividendbeleid van de vennootschap, waaronder de strategische krachtlijnen of opties voor de vennootschap evenals de principes en problemen van algemene aard, met name inzake risicobeheer en personeelsbeheer;
2° de goedkeuring, opvolging en wijziging van het businessplan en de budgetten van de vennootschap; 3° onverminderd andere specifieke bevoegdheden van de Raad van Bestuur, het aangaan van alle verbintenissen, wanneer het bedrag groter is dan vijftien miljoen euro (15.000.000 EUR), tenzij het bedrag alsook de belangrijkste kenmerken ervan uitdrukkelijk voorzien zijn in het jaarlijks budget;
4° beslissingen over de vennootschapsrechtelijke structuur van de vennootschap en van de vennootschappen waarin de vennootschap een deelneming aanhoudt, met inbegrip van de uitgifte van effecten;
5° beslissingen over de oprichting van vennootschappen en over de verwerving of vervreemding van aandelen (ongeacht op welke wijze deze aandelen worden verworven of vervreemd) in vennootschappen waarin de vennootschap rechtstreeks of onrechtstreeks een deelneming aanhoudt, voor zover de financiële impact van deze oprichting, verwerving of vervreemding groter is dan twee miljoen vijfhonderdduizend euro (2.500.000 EUR);
6° beslissingen over strategische acquisities of allianties, belangrijke afstotingen of overdrachten van belangrijke activiteiten of activa in de vennootschap;
7° belangrijke wijzigingen in de boekhoudkundige of fiscale politiek;
8° belangrijke wijzigingen van activiteiten;
9° beslissingen inzake het opstarten van of het nemen van participaties in activiteiten buiten het beheer van elektriciteitsnetten;
10° strategische beslissingen, om buiten het Belgisch grondgebied nieuwe elektriciteitsnetten te beheren en/of over te nemen;
11° met betrekking tot (i) Elia Transmission Belgium NV en Elia Asset NV: het opvolgen van hun algemeen beleid evenals van de beslissingen en aangelegenheden vermeld in het 4°, 5°, 6°, 8°, 9° en 10° hierboven; (ii) de door de Raad van Bestuur aangeduide key-dochtervennootschappen (andere dan
Elia Transmission Belgium NV en Elia Asset NV): de goedkeuring en het opvolgen van hun algemeen beleid evenals van de beslissingen en aangelegenheden vermeld in het 1° tot en met 10° hierboven; (iii) de andere dochtervennootschappen dan de key-dochtervennootschappen: de goedkeuring en het opvolgen van hun algemeen beleid evenals van de beslissingen en aangelegenheden vermeld in het 4°, 5°, 6°, 8°, 9° en 10° hierboven;
12° het houden van algemeen toezicht op het College van dagelijks bestuur; in dat kader oefent de Raad van Bestuur ook toezicht uit op de wijze waarop de bedrijfsactiviteit wordt gevoerd en zich ontwikkelt, ten einde onder meer te evalueren of de bedrijfsvoering van de vennootschap behoorlijk wordt ontwikkeld;
13° de bevoegdheden die aan de Raad van Bestuur worden toegekend door of krachtens het Wetboek van vennootschappen en verenigingen of de statuten.
In het kader van de risicobeheerbevoegdheid van de Raad van Bestuur, keurde de Raad van Bestuur een referentiekader voor interne controle en risicobeheer goed, opgesteld door het College van dagelijks bestuur, dat gebaseerd is op het COSO II-kader. De Raad van Bestuur heeft ook een Compliance Officer aangesteld die verantwoordelijk is voor het toezicht op de naleving van wet- en regelgeving door de vennootschap en voor de toepassing van de relevante interne richtlijnen. De Compliance Officer rapporteert minstens eenmaal per jaar aan de Raad van Bestuur over de uitvoering van zijn opdracht.
Met betrekking tot de uitoefening van zijn toezichthoudende verantwoordelijkheden (zie punt 12° hierboven), is de Raad van Bestuur minstens verantwoordelijk voor het volgende:
De bijzondere algemene vergadering van aandeelhouders van 18 mei 2021 heeft aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om de eigen aandelen van Elia Group NV te verkrijgen, zonder dat het totaal aantal eigen aandelen dat de vennootschap in toepassing van deze machtiging bezit 10% van het totaal aantal aandelen mag overschrijden, tegen een vergoeding die niet meer dan 10% onder de laagste slotkoers van de laatste dertig dagen voorafgaand aan de verrichting kan zijn en niet meer dan 10% boven de hoogste slotkoers van de laatste dertig dagen voorafgaand aan de verrichting kan zijn.
Deze machtiging wordt toegekend voor een periode van vijf jaar vanaf 4 juni 2021. Ze geldt voor de Raad van Bestuur en, voor zover als nodig, voor elke derde handelend voor rekening van de vennootschap.
De buitengewone algemene vergadering van Elia Group NV van 21 juni 2024 heeft beslist om de Raad van Bestuur te machtigen om het kapitaal van Elia Group NV te verhogen, onder bepaalde voorwaarden die zijn opgenomen in de statuten en in het bijzonder verslag dat door de Raad van Bestuur werd voorgelegd aan de buitengewone algemene vergadering van Elia Group NV van 21 juni 2024 (het "toegestaan kapitaal"). Een van deze voorwaarden heeft betrekking op het maximumbedrag van de kapitaalverhoging. Meer bepaald is de Raad van Bestuur van Elia Group gemachtigd om het kapitaal van Elia Group NV te verhogen met een maximaal cumulatief bedrag gelijk aan 50% van het kapitaal zoals het bestond op 21 juni 2024 in geval de kapitaalverhogingen gebeuren met een voorkeurrecht en, in alle andere gevallen, met een maximaal bedrag gelijk aan 20% van het kapitaal zoals het bestond op 21 juni 2024.
De raad van bestuur vergadert telkens wanneer het belang van de vennootschap dit vereist en minstens één keer per trimester. Hij moet worden bijeengeroepen telkens wanneer het belang van de vennootschap dit vereist en telkens wanneer minstens twee bestuurders daarom verzoeken. Hij beraadslaagt geldig volgens de regels die hij vaststelt.
De vergaderingen van de raad van bestuur kunnen plaatsvinden via videoconferentie, conference call of andere communicatiemiddelen op afstand, mits akkoord van alle leden en inachtneming van de organisatieprincipes van de raad. De beslissingen van de raad van bestuur kunnen overeenkomstig artikel 7:95, tweede lid van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen worden genomen bij eenparig schriftelijk akkoord van de bestuurders.
De raad van bestuur vormt een collegiaal orgaan waarin de leden streven naar consensus in hun beraadslagingen.
De beraadslagingen van de raad van bestuur worden vastgelegd in notulen. Deze notulen worden bewaard in een speciaal register.
In 2024 vergaderde de Raad van Bestuur van Elia Group NV 7 keer.
De Raad van Bestuur boog zich met name over de strategische vragen, de financiële en regulatoire situatie van de vennootschap en haar dochtervennootschappen, met inbegrip van de financieringsstrategie, de digitalisering, de voortgang van grote investeringsprojecten en de communicatie naar de markt, het benoemingsproces van een nieuwe CEO, de follow-up van de interne audits en risico's (waaronder "ESG"-gerelateerde risico's alsook het cyberbeveiligingsraamwerk).
Indien een lid niet aanwezig kon zijn, verleende het in het algemeen een volmacht aan een ander lid. Overeenkomstig artikel 19.4 van de statuten van de vennootschap kan een lid dat belet of afwezig is aan een ander lid van de Raad van Bestuur schriftelijk volmacht geven om hem op een bepaalde vergadering van de Raad van Bestuur te vertegenwoordigen en er in zijn plaats te stemmen. Geen enkel lid van de Raad van Bestuur mag echter meer dan twee volmachten hebben.
| Aanwezigheidsgraad | ||
|---|---|---|
| Bernard Gustin, Voorzitter tot 12 december 2024 | 7/7 | |
| Geert Versnick, Voorzitter sinds 12 december 2024 | 7/7 | |
| Bernard Thiry, Vice-Voorzitter | 7/7 | |
| Michel Allé | 7/7 | |
| Pieter De Crem | 7/7 | |
| Laurence de l'Escaille | 7/7 | |
| Frank Donck | 6/7 | |
| Interfin CV (vast vertegenwoordigd door Thibaud Wyngaard) | 7/7 | |
| Roberte Kesteman | 6/7 | |
| Dominique Offergeld | 7/7 | |
| Pascale Van Damme | 5/7 | |
| Eddy Vermoesen | 7/7 |
De bestuurders van Elia Group NV moeten de bepalingen van artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen strikt naleven.
De procedure van artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werd één keer toegepast in 2024, aangezien Bernard Gustin een belangenconflict van vermogensrechtelijke aard had in de zin van artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen met betrekking tot de beslissing van de Raad van Bestuur van 12 december 2024 om hem te benoemen tot Chief Executive Officer van Elia Group NV met ingang van 15 januari 2025. De notulen van deze vergadering met betrekking tot dit agendapunt worden bij het jaarverslag van Elia Group NV gevoegd in overeenstemming met artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In geval van gevoelige of vertrouwelijke informatie overleggen de bestuurders met de voorzitter van de Raad van Bestuur, in overeenstemming met het Corporate Governance Charter.
Zoals hierboven uiteengezet, wordt de Raad van Bestuur, om zijn taken en verantwoordelijkheden doeltreffend uit te voeren, ondersteund door drie adviserende comités: het benoemings- en vergoedingscomité, het auditcomité, en het strategisch comité (zie hieronder).
Een adviserend comité doet in principe aanbevelingen aan de Raad van Bestuur in bepaalde specifieke aangelegenheden waarvoor het over de nodige expertise beschikt. De beslissingsbevoegdheid zelf berust uitsluitend bij de Raad van Bestuur. De rol van een adviserend comité beperkt zich dan ook tot het adviseren van de Raad van Bestuur.
De Raad van Bestuur ziet toe op de doeltreffendheid van de adviserende comités.
Leden van het uitvoerend en senior management kunnen worden uitgenodigd om vergaderingen van een adviserend comité bij te wonen om relevante informatie en inzichten te verschaffen over hun verantwoordelijkheidsgebieden.
Elk adviserend comité brengt na elke vergadering verslag uit aan de Raad van Bestuur.
De Raad van Bestuur heeft een Secretaris-generaal aangesteld die de Raad van Bestuur adviseert over alle governance-aangelegenheden. De Secretaris-generaal voert alle administratieve taken van de Raad van Bestuur uit (agenda, notulen, neerlegging, enz.) en zorgt voor de voorbereiding van de documenten die nodig zijn om de taken van de Raad van Bestuur uit te voeren.
De rol van de Secretaris-generaal omvat onder meer:
Bestuurders hebben individueel toegang tot de Secretaris-generaal.
De Voorzitter van de Raad van Bestuur onderhoudt een nauwe relatie met de Chief Executive Officer en verleent hem/haar steun en advies, met respect voor de uitvoerende verantwoordelijkheid van de Chief Executive Officer.
De Voorzitter zorgt voor een effectieve interactie tussen de Raad van Bestuur en het College van dagelijks bestuur.
Er is een periodieke, geïnstitutionaliseerde interactie tussen de Raad van Bestuur en het College van dagelijks bestuur in de vorm van een statutaire rapporteringsverplichting van het College van dagelijks bestuur aan de Raad van Bestuur.
De Voorzitter en Vice-Voorzitter van het College van dagelijks bestuur kunnen, samen of individueel, met raadgevende stem aan de vergaderingen van de Raad van Bestuur deelnemen.
De Voorzitter van de Raad van Bestuur zorgt voor efficiënte communicatie met de aandeelhouders en ziet erop toe dat de bestuurders inzicht krijgen en houden in de zienswijzen van de aandeelhouders en andere belangrijke stakeholders.
De Elia-website bevat ook een kalender met periodieke informatie en informatie over de algemene vergaderingen (www.elia.be, onder 'Investors', 'Financial calendar' en www.eliagroup.eu, onder 'Investor relations', 'Financial calendar').
Aandeelhouders en geïnteresseerden kunnen met hun vragen steeds rechtstreeks terecht bij de afdeling Investor Relations (zie voor contactgegevens: www.elia.be, onder 'Investors' of www.eliagroup.eu, onder 'Investor relations').
In overeenstemming met bepaling 9.1 van de Belgische Corporate Governance Code 2020 wordt de Raad van Bestuur regelmatig geëvalueerd, in principe ten minste elke drie jaar. De laatste evaluatie vond plaats in de eerste helft van 2022. De volgende evaluatie is gepland voor de tweede helft van 2025, wat een lichte overschrijding inhoudt van de voorziene termijn. Deze beperkte afwijking wordt verklaard door de noodzaak om een optimaal proces te garanderen, gezien de drukke agenda van de Raad van Bestuur tijdens het eerste semester.
In 2023 heeft het benoemings- en vergoedingscomité een nieuwe procedure voorbereid overeenkomstig bepaling 9.2 van de Corporate Governance Code 2020 voor de evaluatie van bestuurders die voor herbenoeming worden voorgedragen. Deze evaluatieprocedure wordt uitgevoerd door het benoemings- en vergoedingscomité en heeft betrekking op:
De Voorzitter van het benoemings- en vergoedingscomité organiseert een exitgesprek met de bestuurders die niet worden voorgedragen voor herbenoeming.
De resultaten van de evaluaties uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen 9.1 en 9.2 van de Corporate Governance Code 2020 worden door de Raad van Bestuur besproken en indien nodig worden, overeenkomstig bepaling 9.3 van de Corporate Governance Code 2020, alle nodige maatregelen genomen die passend worden geacht voor de goede werking van de Raad van Bestuur.
Het benoemings- en vergoedingscomité is samengesteld uit minstens drie en maximum vijf bestuurders, waarvan de meerderheid onafhankelijk is en minstens één derde niet-onafhankelijk.
Op 31 december 2024 was het benoemings- en vergoedingscomité samengesteld uit vijf nietuitvoerende bestuurders, van wie er drie onafhankelijk zijn.
Naast zijn gebruikelijke bevoegdheden ter ondersteuning van de Raad van Bestuur heeft het benoemings- en vergoedingscomité krachtens artikel 7:100 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en krachtens artikel 16.1 van de statuten eveneens de taak om de Raad van Bestuur te adviseren en te ondersteunen betreffende de benoeming van de bestuurders, van de CEO en van de leden van het College van dagelijks bestuur en om aanbevelingen aan de Raad van Bestuur op te
16 De buitengewone algemene vergadering van Elia Group NV heeft op 21 juni 2023 beslist om het benoemingscomité en het vergoedingscomité van Elia Group tot één nieuw benoemings- en vergoedingscomité samen te voegen.
stellen in het bijzonder inzake het remuneratiebeleid en de bezoldiging van de leden van het College van dagelijks bestuur en van de Raad van Bestuur.
Het benoemings- en vergoedingscomité oefent in het bijzonder de volgende bevoegdheden uit:
Het benoemings- en vergoedingscomité zorgt ervoor dat er passende programma's zijn voor de ontwikkeling van talent en voor het bevorderen van diversiteit in leiderschap.
Het benoemings- en vergoedingscomité heeft zeventien keer vergaderd in 2024. Slechts vijf vergaderingen werden vergoed, in overeenstemming met het vergoedingsbeleid van Elia Group NV.
| Aanwezigheidsgraad | |||
|---|---|---|---|
| Dominique Offergeld, Voorzitter | 17/17 | ||
| Laurence de l'Escaille | 17/17 | ||
| Roberte Kesteman | 15/17 | ||
| Geert Versnick | 12/17 | ||
| Pascale Van Damme | 14/17 |
Eenmaal per jaar evalueert Elia Group NV haar kaderpersoneel in overeenstemming met haar performancemanagementbeleid. Dit beleid is ook van toepassing op de leden van het College van dagelijks bestuur. Het benoemings- en vergoedingscomité heeft de voorgestelde collectieve en
individuele doelstellingen voor het College van dagelijks bestuur voor 2024 goedgekeurd. Op deze manier evalueert het benoemings- en vergoedingscomité de leden van het College van dagelijks bestuur op basis van zowel een aantal kwantitatieve als een aantal kwalitatieve collectieve en individuele doelstellingen, eveneens rekening houdend met de feedback van de interne en externe stakeholders. Het remuneratiebeleid voor de leden van het College van dagelijks bestuur omvat onder andere een jaarlijkse variabele vergoeding en een long term incentive (LTI), gespreid over de duur van de meerjarige regelgeving. De jaarlijkse variabele vergoeding die verband houdt met de strategie van Elia Group NV bestaat uit twee delen: de realisatie van kwantitatieve collectieve doelstellingen en de persoonlijke prestaties, waaronder de voortgang in nettowinst, infrastructuurprojecten, beveiliging en cultuur, zekerheid van (elektriciteits-)bevoorrading gekoppeld aan duurzaamheids- en efficiëntiedoelstellingen. Daarnaast voorziet het remuneratiebeleid in de mogelijkheid om uitzonderlijke cashbonussen toe te kennen voor specifieke projecten in specifieke, eenmalige gevallen.
In het boekjaar 2024 zijn enkele wijzigingen aangebracht ten opzichte van het vergoedingsbeleid van 2023, om bepaalde aspecten van de vergoeding van leden van het College van dagelijks bestuur te verduidelijken. Dit remuneratiebeleid werd goedgekeurd door de gewone algemene vergadering van 21 mei 2024.
Daarnaast heeft het benoemings- en vergoedingscomité het remuneratieverslag (jaar 2023) voorbereid voor de raadgevende stemming van de gewone algemene vergadering van 21 mei 2024.
In het kader van de bepaling 7.6 van de Corporate Governance Code 2020 heeft de Raad van Bestuur besloten de aanbeveling van het benoemings- en vergoedingscomité te volgen waarbij een vergoeding in aandelen niet geschikt is binnen Elia Group NV, aangezien (i) de activiteiten van Elia Group van nature zo georganiseerd zijn dat ze een laag risicoprofiel hebben en gericht zijn op de lange termijn en (ii) de structuur van het aandeelhouderschap gebaseerd is op een referentieaandeelhouderschap dat uiteraard streeft naar lange termijn doelstellingen en duurzaamheidsdoelstellingen. Bijkomend (en in afwijking van bepaling 7.9 van de Corporate Governance Code 2020), heeft de Raad van Bestuur besloten geen minimumdrempel op te leggen voor het aandelenbezit van de leden van het College van dagelijks bestuur. De Raad van Bestuur is immers van oordeel dat de wijze waarop de remuneratie van de leden van het College van dagelijks bestuur is gestructureerd, voldoende bijdraagt tot de langetermijnbelangen en de duurzaamheid van de vennootschap (zie ook het remuneratieverslag voor toelichting bij bepalingen 7.6 en 7.9 van de Corporate Governance Code 2020).
Het auditcomité is samengesteld uit minstens drie en maximum vijf bestuurders, waarvan twee onafhankelijke bestuurders.
Op 31 december 2024 was het auditcomité samengesteld uit vijf niet-uitvoerende bestuurders, waarvan drie onafhankelijke bestuurders.
De leden van het auditcomité hebben een collectieve expertise op het gebied van de activiteiten van de vennootschap. Ten minste één lid van het auditcomité moet over de nodige deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit beschikken, overeenkomstig de statuten.
Krachtens artikel 3:6, §1, 9° van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen moet het jaarverslag de verantwoording bevatten van de onafhankelijkheid en van de deskundigheid op het
gebied van boekhouding en audit van ten minste één lid van het auditcomité. Het huishoudelijk reglement van het auditcomité bepaalt in dit opzicht dat alle leden van het auditcomité over voldoende noodzakelijke ervaring en competenties beschikken om de rol van het auditcomité te kunnen vervullen, met name op het vlak van boekhouding, audit en financiën. Volgens het huishoudelijk reglement van het auditcomité moet de beroepservaring van minstens twee leden van het auditcomité in dit verslag worden toegelicht. De ervaring van Michel Allé, de Voorzitter van het auditcomité, alsook van Dominique Offergeld, lid van het auditcomité, wordt hieronder in detail beschreven.
Michel Allé (niet-uitvoerend onafhankelijk bestuurder van Elia Group NV, Elia Transmission Belgium NV en Elia Asset NV sinds 17 mei 2016 en Voorzitter van het auditcomité) is van opleiding burgerlijk ingenieur in de fysica en heeft ook een master in de economie (beide behaald aan de Université Libre de Bruxelles). Behalve zijn academische carrière als professor economie en financiën (Solvay Brussels School, Polytechnische school van de ULB) heeft hij vele jaren gewerkt als financieel directeur. In 1979 begon hij zijn carrière bij de diensten van de Belgische eerste minister, als adviseur in de afdeling voor de planning van het wetenschapsbeleid. Vanaf 1982 was hij directeur van het nationale R&Dprogramma inzake energie en daarna directeur van innovatieve ondernemingen. In 1987 voegde hij zich bij de Cobepa Group, waar hij verschillende functies uitoefende en met name vicevoorzitter was van Mosane van 1992 tot 1995. Van 1995 tot 2000 was hij lid van het directiecomité van de Cobepa Group. Daarna was hij financieel directeur van BIAC (tussen 2001 en 2005) en van de NMBS (tussen 2005 en 2015). Hij heeft ook ruime ervaring als bestuurder, aangezien hij met name bestuurder was of nog is bij Telenet, Zetes, Eurvest (Nicols), D'Ieteren, Epic Therapeutics NV, Neuvasq Biotechnologies NV, Dreamjet Participations NV en LINEAS NV. Hij was voorzitter van het auditcomité van Zetes.
Dominique Offergeld (niet-uitvoerend bestuurder van Elia Group NV, Elia Transmission Belgium NV en Elia Asset NV, benoemd op voordracht van Publi-T CV) behaalde een diploma in economische en sociale wetenschappen (richting openbare economie) aan de Université Notre Dame de la Paix in Namen. Ze volgde meerdere extra-universitaire programma's, waaronder het General Management Program aan het Cedep (INSEAD) in Fontainebleau (Frankrijk). Ze begon haar carrière in 1988 bij de Generale Bank (nu BNP Paribas Fortis), in het departement bedrijfsfinanciering en werd in 1999 benoemd tot deskundige van de viceminister- president en minister van economische zaken van het Waals Gewest. In 2001 werd ze adviseur van de vicepremier en van de minister van buitenlandse zaken. Tussen 2004 en 2005 was ze adjunct-directeur van het kabinet van de minister van energie, vervolgens werd ze in 2005 algemeen adviseur van de NMBS-Holding. Ze was bestuurder van (onder andere) Publigas en regeringscommissaris bij Fluxys. Ze was ook voorzitster van de Raad van Bestuur en het auditcomité van de NMBS. Tussen 2014 en 2016 was ze directrice van de strategische cel van de minister van mobiliteit, belast met Belgocontrol en de NMBS. Ze is financieel directrice van ORES sinds augustus 2016, een functie die ze ook tussen 2008 en 2014 uitoefende. Zij is ook Vice-Voorzitter van Publi-T CV.
Naast zijn gebruikelijke bevoegdheden ter ondersteuning van de Raad van Bestuur heeft het auditcomité, krachtens artikel 7:99 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en artikel 15.1 van de statuten, in het bijzonder de volgende taken:
(welke door de vennootschap op heden worden verwerkt in het duurzaamheidsverslag) en eveneens de financiële gegevens die haar worden gevraagd door het strategisch comité en die de basis vormen voor de naleving door de Elia groep van de Taxonomiewetgeving en de CSRD;
Overeenkomstig het huishoudelijk reglement, is het auditcomité bevoegd om een onderzoek in te stellen in elke aangelegenheid die onder zijn bevoegdheid valt. Hiertoe beschikt het over de nodige middelen, heeft het toegang tot alle informatie, met uitzondering van vertrouwelijke commerciële gegevens betreffende de netgebruikers, en kan het interne en externe deskundigen om advies vragen.
Het auditcomité doet aanbevelingen over de selectie, de (her)benoeming en het ontslag van het hoofd van de interne audit.
Bij het begin van ieder jaar verzoekt het comité de verantwoordelijke voor de interne audit om de "Jaarplanning van de werkzaamheden". Het comité waakt erover dat een juist evenwicht tussen de financiële en operationele auditwerkzaamheden in acht wordt genomen. De verantwoordelijke voor de interne audit maakt deze "Jaarplanning van de werkzaamheden" op het zelfde moment over aan het College van dagelijks bestuur.
Het auditcomité evalueert minstens één keer per jaar de doeltreffendheid van de interne controle- en risicobeheersystemen met de verantwoordelijke voor de interne audit, de externe auditors en iedere expert van wie het comité de interventie nodig acht.
Deze evaluatie heeft tot doel de doeltreffende identificatie, beheer en publicatie van de belangrijkste risico's te verzekeren (met inbegrip van de risico's met betrekking tot fraude en de naleving van de bestaande wetgeving en reglementen).
Het auditcomité beoordeelt de verklaringen inzake interne controle en risicobeheer die in deze verklaring van het jaarverslag van de Vennootschap worden opgenomen.
Het auditcomité beoordeelt tevens de bestaande specifieke regelingen waar personeelsleden gebruik van kunnen maken, in vertrouwen, om hun bezorgdheid te uiten over mogelijke onregelmatigheden inzake financiële verslaggeving of andere aangelegenheden.
Het auditcomité heeft elf keer vergaderd in 2024. Slechts vijf vergaderingen werden vergoed, in overeenstemming met het vergoedingsbeleid van Elia Group NV.
| Aanwezigheidsgraad | |||
|---|---|---|---|
| Michel Allé, Voorzitter | 11/11 | ||
| Frank Donck | 8/11 | ||
| Roberte Kesteman | 11/11 | ||
| Dominique Offergeld | 11/11 | ||
| Eddy Vermoesen | 11/11 |
In 2024 heeft het auditcomité de jaarrekeningen van 2023 onderzocht, zowel in Belgian GAAP als in IFRS evenals de halfjaarlijkse resultaten van 30 juni 2024 en de kwartaalresultaten van 2024 conform de Belgian GAAP en de IFRS-regels. Het auditcomité heeft ook het jaarlijkse budgetproces en het Business Plan van de Elia Group voor 2025-2029 onderzocht, inclusief het financieel beleid en de financieringen.
Voorts heeft het auditcomité de risicobeheeractiviteit opgevolgd en heeft het kennisgenomen van de uitgevoerde interne audits en aanbevelingen. Het auditcomité volgt daarnaast een actieplan voor elke uitgevoerde interne audit, om de efficiëntie, de traceerbaarheid en sensibilisering voor de geauditeerde domeinen te verbeteren en bijgevolg de eraan verbonden risico's te beperken en te verzekeren dat de controleomgeving en het risicobeheer adequaat zijn. Het auditcomité heeft de verschillende actieplannen opgevolgd vanuit verschillende invalshoeken (planning, resultaten, prioriteiten) en dit, onder andere, op basis van een activiteitenverslag van de dienst interne audit. Het auditcomité heeft kennisgenomen van de strategische risico's en risicoanalyses ad hoc op basis van de omgeving waarin de groep evolueert.
Het auditcomité heeft ook de ESG-KPI's in het verslag van de ESG-audit uitgevoerd door de commissarissen van Elia onderzocht en besproken, alsook de kostenstijging van het MOG II-project (Princess Elisabeth Island), het CSRD-project (inclusief in de context van de dubbele materialiteitsbeoordeling) en de ISO 14001-certificering.
Het strategisch comité is samengesteld uit niet meer dan vijf bestuurders waarvan twee onafhankelijke bestuurders.
Op 31 december 2024 was het strategisch comité samengesteld uit vier17 bestuurders, waarvan één onafhankelijk bestuurder.
Twee bestuurders worden permanent uitgenodigd op de vergaderingen van het strategisch comité.
Elia Group NV respecteert bepaling 4.2 van de Corporate Governance Code 2020.
Het strategisch comité heeft een adviserende rol en is verantwoordelijk voor het verstrekken van advies en aanbevelingen aan de Raad van Bestuur over de aangelegenheden die hem zijn toevertrouwd. Het strategisch comité heeft geen beslissingsbevoegdheid en is dus niet bevoegd om te beslissen over de strategie van Elia Group NV.
Het strategisch comité is verantwoordelijk voor het formuleren van adviezen en aanbevelingen aan de Raad van Bestuur met betrekking tot de business development activiteiten van de vennootschap en het internationaal investeringsbeleid van de vennootschap in de ruime betekenis van het woord, met inbegrip van de wijze van financiering.
Het strategisch comité adviseert de Raad van Bestuur ook over het duurzaamheidsbeleid van Elia Group NV en over de niet-financiële informatie die gerapporteerd wordt in het jaarverslag volgens de Belgische en Europese wetgeving.
Het strategisch comité onderzoekt de voorgelegde vragen onverminderd de rol van de andere adviserende comités die binnen de Raad van Bestuur zijn opgericht.
17 Op 31 december 2024 bestond het strategisch comité van Elia Group SA/NV uit 4 leden aangezien Bernard Gustin ontslag had genomen als niet-uitvoerend onafhankelijk bestuurder en voorzitter van de Raad van Bestuur van Elia Group SA/NV na zijn benoeming als CEO door de Raad van Bestuur op 12 december 2024.
Het strategisch heeft in 2024 acht keer vergaderd. Slechts vijf vergaderingen werden vergoed, in overeenstemming met het vergoedingsbeleid van Elia Group NV.
| Aanwezigheidsgraad | |||
|---|---|---|---|
| Geert Versnick, Voorzitter | 8/8 | ||
| Michel Allé | 7/8 | ||
| Pieter De Crem | 8/8 | ||
| Bernard Gustin (tot 12 december 2024) | 7/8 | ||
| Bernard Thiry | 7/8 |
Zoals hierboven vermeld, heeft Elia Group NV een monistische structuur als bestuursmodel. In overeenstemming met de mogelijkheid voorzien door artikel 7:121 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en in de lijn met de statuten, heeft de Raad van Bestuur het dagelijks bestuur gedelegeerd aan een College van dagelijks bestuur.
Daarnaast wordt met betrekking tot de (her)benoeming van leden van de Raad van Bestuur en het College van dagelijks bestuur van de vennootschap verwezen naar het diversiteitsbeleid zoals uiteengezet in het jaarverslag m.b.t. duurzaamheid.
In overeenstemming met artikel 17.3 van de statuten, is het College van dagelijks bestuur, binnen de perken van de regels en beginselen van algemeen beleid en de beslissingen aangenomen door de Raad van Bestuur van de vennootschap, bevoegd voor alle handelingen en de beslissingen die niet verder reiken dan de behoeften van het dagelijks leven van de vennootschap, evenals de handelingen en de beslissingen die om reden van het minder belang dat ze vertonen of omwille van hun spoedeisend karakter de tussenkomst van de Raad van Bestuur niet rechtvaardigen, met inbegrip van:
1° het dagelijks bestuur van de vennootschap, daarin begrepen alle commerciële, technische, financiële, regulatoire en personeelsaangelegenheden verbonden aan dit dagelijks bestuur, met inbegrip van onder meer alle verbintenissen (i) wanneer het bedrag kleiner is dan of gelijk is aan vijftien miljoen euro (15.000.000 EUR) of (ii) wanneer het bedrag alsook de belangrijkste kenmerken ervan uitdrukkelijk voorzien zijn in het jaarlijks budget;
2° de regelmatige rapportering aan de Raad van Bestuur over zijn beleidsactiviteiten in de vennootschap in uitvoering van de bevoegdheden toegekend overeenkomstig artikel 17.3 van de statuten, met inachtneming van de wettelijke beperkingen op het vlak van de toegang tot de commerciële en andere confidentiële gegevens betreffende de netgebruikers en de verwerking ervan en het voorbereiden van de beslissingen van de Raad van Bestuur waaronder met name: (a) de tijdige en accurate voorbereiding van de jaarrekeningen en andere financiële informatie van de vennootschap, overeenkomstig de toepasselijke standaarden voor jaarrekeningen en het beleid van de vennootschap, en de passende communicatie hierover; (b) de voorbereiding van de adequate publicatie van belangrijke niet-financiële informatie over de vennootschap; (c) het opstellen van de financiële
informatie hernomen in de halfjaarlijkse verklaringen die voorgelegd zullen worden aan het auditcomité voor advies aan de Raad van Bestuur in het kader van zijn algemene taak van monitoring van het financiële verslaggevingsproces; (d) de implementatie van interne controles en risicobeheer gebaseerd op het kader dat goedgekeurd werd door de Raad van Bestuur, onverminderd de opvolging van de implementatie binnen dit kader door de Raad van Bestuur en van het daartoe door het auditcomité verrichte onderzoek; (e) het voorleggen aan de Raad van Bestuur van de financiële situatie van de vennootschap; (f) het ter beschikking stellen van de informatie die de Raad van Bestuur nodig heeft om zijn taken uit te voeren, in het bijzonder door voorstellen voor te bereiden inzake de beleidsmateries bepaald in artikel 17.2 van de statuten (zie de bevoegdheden van de Raad van Bestuur hierboven);
3° de regelmatige rapportering aan de Raad van Bestuur over zijn beleid in de door de Raad van Bestuur aangeduide key-dochtervennootschappen en de jaarlijkse rapportering aan de Raad van Bestuur over zijn beleid in de overige dochtervennootschappen en over het beleid in de vennootschappen waarin de Vennootschap rechtstreeks of onrechtstreeks een deelneming aanhoudt;
4° alle beslissingen inzake procedures (zowel voor de Raad van State en andere administratieve jurisdicties als voor de gewone rechtbanken en inzake arbitrage) en met name beslissingen, in naam en voor rekening van de Vennootschap, om beroepen in te dienen, te wijzigen of in te trekken en om een of meerdere advocaten aan te duiden om de Vennootschap te vertegenwoordigen;
5° alle andere bevoegdheden gedelegeerd door de Raad van Bestuur.
Het College van dagelijks bestuur beschikt over alle nodige bevoegdheden, daarin inbegrepen de vertegenwoordigingsbevoegdheid, en over voldoende bewegingsruimte om de bevoegdheden uit te oefenen die aan hem werden gedelegeerd en om een ondernemingsstrategie voor te stellen en te implementeren, zonder afbreuk te doen aan de bevoegdheden van de Raad van Bestuur.
In 2024 richtte het College van dagelijks bestuur zich onder andere op de bespreking van het duurzaamheidsrapport, het vastleggen van collectieve doelstellingen waaronder een doelstelling i.v.m. duurzaamheidsprestaties, de validatie van de dubbele materialiteitsbeoordeling in het kader van de CSRD, het mentorprogramma voor veelbelovende talenten (HR), de strategische evolutie van de groep, de vermindering van 50% van het gebruik van SF6-gas tegen 2030 in het kader van het Act Now programma, de DEI-rapportering (diversiteit, gelijkheid, inclusie) en de beveiliging van activa.
Het College van dagelijks bestuur vergadert over het algemeen ten minste één keer per maand. Een lid van het College van dagelijks bestuur dat niet aanwezig kan zijn, verleent gewoonlijk een volmacht aan een ander lid van het College van dagelijks bestuur. Een volmacht kan via elk schriftelijk communicatiemiddel (waarvan de authenticiteit redelijkerwijs identificeerbaar is) aan een ander lid van het College van dagelijks bestuur gegeven worden, in overeenstemming met het huishoudelijk reglement van het College van dagelijks bestuur. Geen enkel lid mag echter meer dan twee volmachten hebben. In 2024 heeft het College van dagelijks bestuur 16 keer vergaderd.
Het College van dagelijks bestuur brengt elk kwartaal schriftelijk verslag uit aan de Raad van Bestuur en rapporteert op elke vergadering van de Raad van Bestuur over al zijn bevoegdheden, in het bijzonder het beheer door de groep van de activiteiten van het transmissienet in de belangrijkste Belgische en Duitse filialen van de Elia Group (Elia Transmission Belgium NV, Elia Asset NV en 50Hertz Transmission GmbH). In het kader van zijn rapportering in 2024, heeft College van dagelijks bestuur de Raad van Bestuur op de hoogte gehouden van de financiële situatie van de vennootschap/groep, de opvolging van haar investeringsprogramma (inclusief de opvolging en de ontwikkeling van de grote investeringsprojecten), de opvolging van de infrastructuur van de Elia Group (inclusief wat betreft onderhoud en operaties), de evoluties op het vlak van energiebeleid (inclusief de belangrijkste beslissingen genomen door regulators en administraties), human resources zaken, de veiligheids- en beveiligingskwesties, M&A/business development zaken en de evolutie van de aandelenprijs. Het College van dagelijks bestuur volgt ook de belangrijkste risico's van de groep op en de maatregelen om die te beperken, evenals de aanbevelingen van de interne audit.
De samenstelling van het College van dagelijks bestuur is gewijzigd in 2024. In maart 2024 werd Frédéric Dunon, Chief Executive Officier van Elia Transmission Belgium NV en Elia Asset NV, lid van het College van dagelijks bestuur van Elia Group NV.
De samenstelling van het College van dagelijks bestuur is gebaseerd op genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen, evenals op de complementariteit van vaardigheden, ervaringen en kennis. Bij de zoektocht naar en benoeming van nieuwe leden wordt bijzondere aandacht besteed aan diversiteitsparameters in termen van leeftijd, geslacht en complementariteit.
| DIVERSITEIT BINNEN HET COLLEGE VAN DAGELIJKS BESTUUR | ||||
|---|---|---|---|---|
| Aantal leden van het College van dagelijks bestuur op 31 december 2024 |
2024 | |||
| Mannen | Leeftijd 35 < 54 | 3 (50%) | ||
| Leeftijd ≥ 55 | 2 (33%) | |||
| Vrouwen | Leeftijd 35 < 54 | 1 (17%) | ||
| Leeftijd ≥ 55 | 0 (%) |
De gewone algemene vergadering van Elia Group NV heeft op 16 mei 2023 EY Bedrijfsrevisoren BV en BDO Bedrijfsrevisoren BV herbenoemd als commissarissen van de vennootschap en dit voor een periode van drie jaar. Hun mandaat verstrijkt onmiddellijk na afloop van de gewone algemene vergadering van 2026 met betrekking tot het boekjaar afgesloten op 31 december 2025. EY Bedrijfsrevisoren BV wordt vertegenwoordigd door Paul Eelen. BDO Bedrijfsrevisoren BV wordt voor de uitoefening van dit mandaat vertegenwoordigd door Michaël Delbeke. Daarnaast heeft de gewone algemene vergadering van 21 mei 2024 besloten om EY Bedrijfsrevisoren BV en BDO Bedrijfsrevisoren BV voor een periode van twee jaar eindigend onmiddellijk na de gewone algemene vergadering van 2026, de opdracht te geven om een assurance te verstrekken over het geconsolideerde duurzaamheidsverslag van de vennootschap.
De buitengewone algemene vergadering van Elia Group NV van 21 mei 2024 heeft de voorgestelde wijziging van het voorwerp van de vennootschap goedgekeurd. De reden voor de wijziging is dat de
vroegere statutaire omschrijving van het voorwerp van de vennootschap nog steeds dezelfde was als toen de vennootschap zelf de taak van transmissienetbeheerder vervulde. Sinds 1 januari 2020 is de transmissienetbeheerder echter niet langer Elia Group NV, maar haar dochtervennootschap Elia Transmission Belgium NV. Bovendien laat de statutenwijziging toe dat Elia Group NV in bijkomende orde investeert in andere activiteiten in de energiesector op voorwaarde dat deze andere activiteiten niet in strijd zijn met het hoofddoel van Elia Group NV.
Op 21 juni 2024 besliste de buitengewone algemene vergadering van Elia Group NV om haar statuten te wijzigen. De wijzigingen betreffen de invoeging van een clausule die de Raad van Bestuur machtigt om het kapitaal van Elia Group NV te verhogen, onder bepaalde voorwaarden die zijn opgenomen in de statuten en in het bijzonder verslag dat door de Raad van Bestuur werd voorgelegd aan de buitengewone algemene vergadering van Elia Group NV van 21 juni 2024 (het "toegestaan kapitaal"). De Raad van Bestuur van Elia Group NV is nu gemachtigd om het kapitaal van Elia Group NV te verhogen met een maximaal cumulatief bedrag gelijk aan 50% van het bestaande kapitaal van de vennootschap op de datum waarop de algemene vergadering de machtiging heeft goedgekeurd in geval de kapitaalverhogingen plaatsvinden met een voorkeurrecht en, in alle andere gevallen, met een maximaal bedrag gelijk aan 20% van het bestaande kapitaal van de vennootschap op de datum waarop de algemene vergadering de machtiging heeft goedgekeurd, zijnde 21 juni 2024. Deze machtiging voor kapitaalverhoging is geldig vanaf 2025. De laatste versie van de statuten van Elia Group NV is integraal beschikbaar op de website van de vennootschap (www.eliagroup.eu, onder 'Over Elia Groep', 'Corporate governance').
Op 12 december 2024 heeft de Raad van Bestuur van Elia Group NV Bernard Gustin tot CEO en Voorzitter van het College van dagelijks bestuur van Elia Group NV benoemd met ingang vanaf 15 januari 2025. Volgend op deze benoeming als CEO heeft Bernard Gustin zijn vrijwillig ontslag aangeboden als onafhankelijk bestuurder van Elia Group NV en haar dochtervennootschappen Elia Transmission Belgium NV en Elia Asset NV; dit vrijwillig ontslag ging in na afloop van de vergadering van de Raad van Bestuur van 12 december 2024. Vanaf 1 april 2025 wordt Marco Nix de CFO van Elia Group NV. Catherine Vandenborre, die de rol van CEO Ad Interim en CFO van Elia Group NV op zich nam, heeft haar vrijwillig ontslag aangeboden en zal in functie blijven tijdens een overgangsperiode tot 30 juni 2025.
Voor andere belangrijke gebeurtenissen in 2024, zie het Geïntegreerd Jaarverslag van Elia Group NV.
Gedragscode
Na de inwerkingtreding van de Europese Verordening nr. 596/2014 betreffende marktmisbruik ('Marktmisbruikverordening') heeft Elia Group NV haar gedragscode aangepast. Deze gedragscode is gericht op het voorkomen van mogelijke inbreuken op de wetgeving betreffende misbruik van voorkennis en marktmanipulatie door sleutelmedewerkers en door personen met leidinggevende verantwoordelijkheid binnen de groep. De gedragscode legt een reeks regels en meldingsplichten op voor de transacties door deze personen met hun effecten van Elia Group NV, conform de bepalingen in de Marktmisbruikverordening en de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en andere financiële diensten. Deze gedragscode is beschikbaar op de website www.elia.be (onder 'Over Elia, 'Corporate Governance', 'Statuten & Corporate Governance Charter').
De ethische code van Elia Group NV definieert wat Elia Group NV beschouwt als correct ethisch ondernemen en bepaalt het beleid en een aantal principes om belangenconflicten te vermijden. Integer en onafhankelijk handelen met alle stakeholders is een belangrijk uitgangspunt voor het handelen van onze medewerkers.
De Raad van Bestuur en het College van dagelijks bestuur communiceren regelmatig over deze principes om de wederzijdse rechten en plichten van de vennootschap en haar medewerkers te verduidelijken.
Het Corporate Governance Charter en de huishoudelijke reglementen van de Raad van Bestuur, de adviserende comités van de Raad van Bestuur en het College van dagelijks bestuur zijn beschikbaar op de website (www.elia.be onder 'Over Elia, 'Corporate Governance', 'Statuten & Corporate Governance Charter'). De verantwoordelijkheden van de Raad van Bestuur en van het College van dagelijks bestuur worden uitvoerig beschreven in de statuten van de vennootschap en worden derhalve niet uitvoerig herhaald in het huishoudelijk reglement van de Raad van Bestuur en het College van dagelijks bestuur.
In 2024 heeft Elia Group NV geen kennisgevingen ontvangen in de zin van de wet van 2 mei 2007 betreffende de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in emittenten waarvan aandelen zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt en houdende diverse bepalingen, en in de zin van het koninklijk besluit van 14 februari 2008 betreffende de openbaarmaking van belangrijke participaties.
Eerder ontvangen transparantiekennisgevingen zijn beschikbaar op de website van Elia Group NV.
Op 23 november 2007 heeft Publi-T CV aan de vennootschap meegedeeld dat zij op 1 september 2007 meer dan 30% van de effecten met stemrecht in de vennootschap aanhield. Er werd geen actualisering van deze kennisgeving gemeld tegen 1 september 2024.
De aandeelhouderstructuur per 31 december 2024, op basis van de transparantiekennisgevingen die Elia Group NV tot op die datum heeft ontvangen, ziet er als volgt uit:
| Shareholder | Number of shares (= Denominator) | Type of shares*** | % of shares | % of voting rights |
|---|---|---|---|---|
| Publi-T | 32,931,025 (*) | Class B & C (*) | 44.79% | 44.79% |
| Publipart | 2,437,487 (**) | Class A & B (**) | 3.32% | 3.32% |
| Belfius Insurance | 714,357 | Class B | 0.97% | 0.97% |
| Katoen Natie group | 6,839,737 (***) | Class B (***) | 9.30% | 9.30% |
| Interfin | 3,124,490 | Class B | 4.25% | 4.25% |
| Other free float | 27,474,727 | Class B | 37.37% | 37.37% |
| Total | 73,521,823 (****) | 100% | 100% |
Overeenkomstig artikel 3:6, §2, 7° van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, maakt Elia Group NV hierna de elementen bekend die bedoeld zijn in artikel 34 van het koninklijk besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt.
Per 31 december 2024 bedroeg het kapitaal van de vennootschap € 1.833.762.393,56, vertegenwoordigd door in totaal 73.521.823 aandelen, waaronder 1.836.054 aandelen soort A (2,50 % van het totale aandelenkapitaal en stemrechten), 38.844.937 aandelen soort B (52,83 % van het totale aandelenkapitaal en stemrechten) en 32.840.832 aandelen soort C (44,67 % van het totale aandelenkapitaal en stemrechten). Alle aandelen hebben geen nominale waarde en zijn volledig volstort.
| Totaal kapitaal | |||
|---|---|---|---|
| € 1.833.762.393,56 | |||
| Totaal aantal stemrechtverlenende effecten (per soort) | |||
| Soort A | 1.836.054 | ||
| Soort B | 38.844.937 |
| Soort C | 32.840.832 | |||
|---|---|---|---|---|
| TOTAAL | 73.521.823 | |||
| Totaal aantal stemrechten (per soort) | ||||
| Soort A | 1.836.054 | |||
| Soort B | 38.844.937 | |||
| Soort C | 32.840.832 | |||
| TOTAAL (= noemer) | 73.521.823 | |||
| Totaal aantal in stemrechtverlenende effecten converteerbare obligaties | ||||
| Geen | ||||
| Totaal aantal al dan niet in effecten belichaamde rechten om in te schrijven op nog niet uitgegeven stemrechtverlenende effecten |
||||
| Geen | ||||
| Totaal aantal aandelen zonder stemrecht | ||||
| Geen |
Aandelen Soort A en aandelen soort C worden respectievelijk aangehouden door Publipart NV en Publi-T CV. Overeenkomstig artikel 4.3 van de statuten hebben alle aandelen van de vennootschap dezelfde rechten, ongeacht de soort waartoe ze behoren, behoudens wanneer de statuten hierover anders bepalen.
In dit verband bepalen de statuten dat bepaalde specifieke rechten zijn verbonden aan de aandelen van soort A en van soort C met betrekking tot (i) de benoeming van leden van de Raad van Bestuur (artikel 13.2) en (ii) de goedkeuring van beslissingen van de algemene vergadering (artikelen 28.2 en 33.1).
De artikelen 4.3 en 4.4 van de statuten voorzien in beperkingen met betrekking tot het aandeelhouderschap van elektriciteits- en/of aardgasbedrijven in de zin van de Belgische wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt en de Belgische wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen of indien zij op een andere wijze een van de functies vervullen van productie of levering van elektriciteit en/ of aardgas.
Bovendien zijn de aandelen soort A en de aandelen soort C onderworpen aan een voorkooprecht ten gunste van respectievelijk de soort C- en de soort A-aandeelhouders, overeenkomstig artikel 9 van de statuten van de vennootschap.
Houders van effecten waaraan bijzondere zeggenschapsrechten verbonden zijn
Zie hierboven de rechten van soorten A- en C-aandeelhouders.
Er is geen aandelenplan voor werknemers met een dergelijk mechanisme.
Overeenkomstig artikel 4.3 van de statuten worden de stemrechten verbonden aan de aandelen die rechtstreeks of onrechtstreeks worden aangehouden door elektriciteits- en/of aardgasbedrijven in de zin van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt respectievelijk de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen, geschorst. Bovendien stelt het artikel 11.2 van de statuten van de vennootschap dat de vennootschap de uitoefening kan schorsen van de rechten verbonden aan de effecten die het voorwerp zijn van mede-eigendom, vruchtgebruik of pandgeving totdat een enkele persoon ten aanzien van de vennootschap is aangewezen als drager van deze rechten.
De vennootschap is niet op de hoogte van bepalingen in een aandeelhoudersovereenkomst die de overdracht van aandelen of de uitoefening van stemrechten anders regelt dan voorzien in de statuten.
De benoeming en de vervanging van de bestuurders worden geregeld door de artikelen 12 en 13 van de statuten. De belangrijkste bepalingen ervan zijn hierboven beschreven.
De regels voor de wijziging van de statuten van de vennootschap zijn vervat in het Wetboek van vennootschappen en verenigingen alsook in artikel 29 van de statuten. De statuten kunnen worden gewijzigd door een buitengewone algemene vergadering die voor dat doel bijeengeroepen wordt. Het voorwerp van de voorgestelde wijzigingen moet op de agenda worden vermeld. De buitengewone algemene vergadering zal een dergelijk besluit slechts geldig kunnen nemen indien ten minste 50% van het maatschappelijk kapitaal aanwezig of vertegenwoordigd is en met een meerderheid van 75% van de uitgebrachte stemmen, waarbij de onthoudingen in de teller noch in de noemer worden meegerekend. Indien het aanwezigheidsquorum op een eerste algemene vergadering niet wordt behaald, kan een tweede algemene vergadering worden bijeengeroepen die zal beslissen zonder aanwezigheidsquorumvereiste. Indien de statutenwijzigingen betrekking hebben op de rechten verbonden aan een of meer soorten aandelen, gelden de bovenvermelde quorum- en meerderheidsvereisten binnen elke soort aandelen. Voor bepaalde specifieke aangelegenheden (bv. wijziging van het doel van de vennootschap) kunnen hogere stemmeerderheden gelden. Volgens artikel 28.2 van de statuten, kan, zolang de aandelen soort A en/of soort C meer dan vijfentwintig procent (25%) van het totale aantal aandelen vertegenwoordigen, geen enkele beslissing door de algemene vergadering worden genomen, onverminderd de meerderheid bepaald in de statuten en in het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, tenzij dergelijke beslissing wordt goedgekeurd door een meerderheid van de aanwezige of vertegenwoordigde soort A en/of soort C-aandelen. Indien bij een kapitaalverhoging van de vennootschap de aandelen soort A en/of soort C verwateren en niet langer meer dan vijfentwintig procent (25%) van het totale aantal aandelen vertegenwoordigen, zullen de soort
A en/of soort C-aandelen het voormelde recht behouden zolang de soort A en/of soort C-aandelen meer dan vijftien procent (15%) van het totale aantal aandelen vertegenwoordigen.
Voor de bevoegdheden van de Raad van Bestuur in het algemeen wordt verwezen naar de sectie 'Bevoegdheden van de Raad van Bestuur' (zie hierboven).
De bijzondere algemene vergadering van aandeelhouders van 18 mei 2021 heeft aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om de eigen aandelen van Elia Group NV te verkrijgen, zonder dat het totaal aantal eigen aandelen dat de vennootschap in toepassing van deze machtiging bezit, 10% van het totaal aantal aandelen mag overschrijden, tegen een vergoeding die niet meer dan 10% onder de laagste slotkoers van de laatste dertig dagen voorafgaand aan de verrichting kan zijn en niet meer dan 10% boven de hoogste slotkoers van de laatste dertig dagen voorafgaand aan de verrichting kan zijn.
Deze machtiging wordt toegekend voor een periode van vijf jaar vanaf 4 juni 2021. Ze geldt voor de Raad van Bestuur en, voor zover als nodig, voor elke derde handelend voor rekening van de vennootschap. Zij geldt tevens voor de rechtstreekse en, voor zover als nodig, onrechtstreekse dochtervennootschappen van de vennootschap.
Deze machtiging doet geen afbreuk aan de mogelijkheden, overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen, voor de Raad van Bestuur om eigen aandelen te verkrijgen indien daartoe geen statutaire machtiging of machtiging van de algemene vergadering vereist is.
In het bovenvermelde kader heeft Elia Group NV een liquiditeitsovereenkomst afgesloten met Exane BNP Paribas die deze laatste het mandaat geeft om Elia Group NV-aandelen te kopen en te verkopen op de gereglementeerde markt van Euronext Brussel. Exane BNP Paribas handelt in naam en voor rekening van Elia Group NV en in het kader van een discretionair mandaat zoals goedgekeurd door de buitengewone algemene vergadering van 18 mei 2021. Het doel van het liquiditeitscontract is het ondersteunen van de liquiditeit van de Elia Group NV aandelen genoteerd op Euronext Brussel.
De buitengewone algemene vergadering van Elia Group NV van 21 juni 2024 heeft beslist om de Raad van Bestuur te machtigen om het kapitaal van Elia Group NV te verhogen, onder bepaalde voorwaarden die zijn vastgelegd in de statuten en in het bijzonder verslag dat de Raad van Bestuur heeft voorgelegd aan de buitengewone algemene vergadering van Elia Group NV van 21 juni 2024 (het zogenaamde "toegestaan kapitaal"). Een van deze voorwaarden heeft betrekking op het maximumbedrag van de kapitaalverhoging. Meer bepaald is de Raad van Bestuur van Elia Group gemachtigd om het kapitaal van Elia Group NV te verhogen met een maximaal cumulatief bedrag gelijk aan 50% van het kapitaal zoals het bestond op 21 juni 2024 in geval de kapitaalverhogingen gebeuren met een voorkeurrecht en, in alle andere gevallen, met een maximaal bedrag gelijk aan 20% van het kapitaal zoals het bestond op 21 juni 2024.
Er is geen dergelijke overeenkomst.
Overeenkomsten tussen Elia Group NV tussen haar bestuurders of werknemers die in
Er werden geen specifieke ontslagregelingen overeengekomen buiten het wettelijk kader.
Voor informatie met betrekking tot de vergoeding van leden van de Raad van Bestuur en de College van dagelijks bestuur, verwijzen we naar het remuneratieverslag in het geïntegreerde jaarverslag 2024 van Elia Group. Dit verslag is beschikbaar op de website van de groep.
Onderstaande tabel toont de aandeelhoudersstructuur van Elia Groep NV op basis van de laatste transparantiekennisgevingen die Elia Groep NV heeft ontvangen (d.w.z. op 31 december 2024):
| Aandeelhouder | Aantal aandelen | Soort aandelen*** |
% aandelen | % stemrechten |
|---|---|---|---|---|
| Publi-T | 32.931.025* | Soorten B en C* | 44,79% | 44,79% |
| Publipart | 2.437.487 | Soorten A en B ** |
3,32% | 3,32% |
| Belfius Insurance | 714.357 | Soort B | 0,97% | 0,97% |
| Katoen Natie Group | 6.839.737 | Soort B | 9,30% | 9,30% |
| Interfin | 3.124.490 | Soort B | 4,25% | 4,25% |
| Andere free float | 27.474.727 | Soort B | 37,37% | 37,37% |
| Totaal | 73.521.823 | 100% | 100% |
* Publi-t houdt 32.931.025 aandelen aan, waarvan 32.840.832 aandelen van soort C (en 90.193 aandelen van soort B).
** Publipart houdt 2.437.487 aandelen aan, waarvan 1.836.054 aandelen van soort A (en 601.433 aandelen van soort B).
*** Het kapitaal van de vennootschap bedraagt €1.833.762.393,56, hetzij 73.521.823 aandelen. De aandelen zijn onderverdeeld in 3 soorten van aandelen: 1.836.054 aandelen van soort A, 38.844.937 aandelen van soort B en 32.840.832 aandelen van soort C. Alle aandelen hebben identieke stem-, dividend- en liquidatierechten, maar de aandelen van de soorten A en C bevatten specifieke rechten met betrekking tot de benoeming van leden van de Raad van Bestuur en de goedkeuring van aandeelhoudersresoluties.
Volgens de transparantiekennisgeving van 30 oktober 2014 treden Publi-T en FPIM (Belfius Insurance) in onderling overleg op in de zin van artikel 3 §1, 13° b) van de Belgische wet van 2 mei 2007.
In april bezocht een Belgische regeringsdelegatie in aanwezigheid van premier Alexander De Croo de bouwwerf in Vlissingen, waar de caissons (of funderingen) van het Prinses Elisabeth Eiland worden gebouwd. Het is de bedoeling dat de caissons vanaf april 2025 op de zeebodem worden geïnstalleerd, waar ze de buitenmuren van het eiland zullen vormen. Het kunstmatige energie-eiland zal zich in de Prinses Elisabeth Zone (PEZ) bevinden, de tweede offshore windzone van België, en zal een essentiële rol spelen in de energietransitie van het land.
50Hertz kreeg groen licht om in 2024 met de bouw van zijn Ostwind 3-project te starten. Dankzij Ostwind 3 zal de energie opgewekt door het 300 MW offshore windmolenpark Windanker in de Baltische Zee in het Duitse elektriciteitsnet kunnen worden geïnjecteerd. In de loop van het jaar werden vergunningen verkregen voor de 100 km lange offshore route, de 4 km lange onshore route en het nieuwe onderstation in Stilow. Voor de eerste keer, is 50Hertz volledig verantwoordelijk voor de planning, de bouw en de exploitatie van het offshore onderstation voor Windanker, naast de kabelsystemen die het windpark met het onshore transmissienet zullen verbinden. Het leggen van de kabels is intussen opgestart.
Met de voltooiing van de netaansluiting op twee windmolenparken in de Baltische Zee zit 50Hertz voor op schema en liggen de kosten 25% lager dan gebudgetteerd. De aansluiting op het 257 MW Arcadis Ost windpark werd voltooid in 2023, terwijl de aansluiting op het 476 MW Baltic Eagle windpark midden 2024 werd voltooid. Het volledige project werd eind 2024 in gebruik genomen.
De Nordring en de Uckermark (Zuid)-lijn, twee nieuwe extra-hoge-spanningslijnen, zullen aanzienlijk bijdragen tot het transport van hernieuwbare energie naar Brandenburg en Berlijn, en zullen Duitsland en Europa dus helpen om hun klimaatdoelstellingen te bereiken. De lijnen versterken ook de bevoorradingszekerheid van de hoofdstedelijke regio, en Nordring biedt een belangrijke netaansluiting voor de staalfabriek in Hennigsdorf (Brandenburg).
De SuedOstLink is een van de belangrijkste projecten voor de energietransitie in Duitsland, aangezien het op een efficiënte manier elektriciteit zal transporteren over een afstand van 540 km van het noorden naar het zuiden van het land via bekabelde HVDC-technologie. De werken aan het 50Hertz-traject konden op tijd beginnen, meteen nadat het Duitse federale netwerkagentschap (Bundesnetzagentur, BNetzA) de bouw van meerdere trajecten in Thüringen en Saksen vervroegd had goedgekeurd. Op 19 december verleende de BNetzA de volledige bouwvergunning voor een 84 km lang deel van de SuedOstLink waarvoor ze verantwoordelijk is.
In juni werden de contracten van het Prinses Elisabeth Eiland voor de installatie van 330 km hoogspanningswisselstroomkabels (HVAC) en hoogspanningsstations gegund aan verschillende consortia. Deze HVAC-uitrusting zal het aansluitingspunt vormen om een eerste hoeveelheid (2,1 GW) elektriciteit te ontvangen die werd opgewekt door windmolenparken in de PEZ (Prinses Elisabeth Zone) en die dan terug naar de Belgische kust te transporteren.
Begin 2025 kondigde Elia Group aan dat de gelijkstroomcomponent (DC) van het energie-eilandproject wordt uitgesteld. Deze beslissing werd genomen om een optimale uitvoering van het project te garanderen en in lijn te blijven met de meest recente technische en financiële evaluaties. Het bedrijf blijft zich inzetten om zijn energie-initiatieven vooruit te helpen en zal verdere updates geven wanneer nieuwe tijdslijnen worden vastgesteld. Deze strategische aanpassing onderstreept onze toewijding aan het leveren van duurzame en efficiënte energieoplossingen met behoud van de hoogste normen van projectmanagement.
Elia Transmission Belgium (ETB) heeft de contracten voor onshore AC-kabels, voor een bedrag van €135 miljoen, toegekend aan drie grote Europese producenten van hoogspanningskabels. De kabels zullen worden geleverd tussen 2025 en 2027, en zullen beantwoorden aan de behoeften van meer dan 120 projecten die zijn opgenomen in het Belgisch Federaal Ontwikkelingsplan 2024-2034. Hiermee wordt de elektrificatie van de samenleving verder ondersteund. De nieuwe kabels zullen vooral van essentieel belang zijn voor de Belgische industrie, en zullen de komende jaren ook de aansluiting van nieuwe productiecapaciteit op het net ondersteunen.
50Hertz heeft een Engineering, Procurement, Construction and Installation (EPCI)-contract toegekend aan een gevestigd consortium voor zijn eerste project in de Duitse Noordzee. Het LanWin3-project zal een offshore windmolenpark van 2 GW verbinden met de (onshore) NordOstLink, een nieuwe hoogspanningslijn op gelijkstroom (HVDC) die nog moet worden gebouwd.
50Hertz heeft ook een ander consortium aangesteld voor de bouw van zijn eerste DC-netaansluiting in de Baltische Zee: Ostwind 4. De werken omvatten zowel een offshore omvormer platform als een onshore omvormer platform. 50Hertz is de eerste TNB die technologie van 2 GW / 525 kV in dit zeebekken inzet.
In juni veroorzaakte een hevige storm ernstige schade aan twee 380 kV-hoogspanningslijnen in de regelzone van 50Hertz in Lausitz. Zeventien masten zijn omgevallen of zwaar beschadigd. Ondanks de impact was de stroomvoorziening nooit onderbroken en bleef de bevoorradingszekerheid in de regio stabiel. Er werden geen gewonden gemeld.
Een hevige storm die in juli over België trok, zorgde voor negen omgevallen hoogspanningsmasten in Leest bij Mechelen. De ETB-teams hebben in een recordtijd een noodlijn voor de regio opgebouwd. Deze lijn blijft in dienst tot de hoogspanningslijn die door de storm beschadigd werd, weer in werking gesteld wordt.
Sinds de ingebruikname 5 jaar geleden heeft de onderzeese interconnector Nemo Link de uitwisseling van 29,6 TWh elektriciteit tussen het Verenigd Koninkrijk en België mogelijk gemaakt. In 2024 was Nemo Link drie jaar in dienst zonder onderbreking (onderhoudsperiodes niet meegerekend). De uitstekende operationele en commerciële prestaties hebben geleid tot de terugbetaling van meer dan €200 miljoen aan de Belgische en Britse eindverbruikers. Deze opmerkelijke resultaten werden in januari 2025 gevierd tijdens een evenement in aanwezigheid van de Belgische minister van Energie en de Britse ambassadeur in België.
Sinds de ingebruikname in 2019 heeft het Modular Offshore Grid (MOG) meer dan 14,75 TWh elektriciteit van 4 offshore windparken terug getransporteerd naar het Belgische vasteland. In januari 2024, na een ernstig incident, faalde een van de kabels van het MOG die het Rentel-platform met het vasteland verbindtnpm. 400 meter beschadigde kabel moesten worden vervangen, wat onze teams enkele maanden tijd kostte. Tijdens de zeer complexe reparatiewerken werkte de alternatieve transmissieroute via het MOG-platform perfect, waardoor de vier aangesloten windparken elektriciteit konden blijven opwekken en vervoeren naar het vasteland.
De verbindingen met de offshore windparken in de Baltische Zee transporteerden 4,8 TWh naar het vasteland, wat bijdroeg tot een gemiddeld aandeel van 73% hernieuwbare energie in de regelzone van 50Hertz.
In zijn 'Belgian Electricity System Blueprint 2035-2050' keek ETB verder in de toekomst dan de gebruikelijke termijn van 10 jaar die het hanteert in zijn rapporten over bevoorradingszekerheid en netontwikkeling. De blauwdruk wil de Belgische regeringen ondersteunen die de gewenste energiemix voor de periode 2035-2050 helpen vormgeven, zodat de noodzakelijke wijzigingen aan het hoogspanningsnet op tijd kunnen worden voltooid. Zoals deze studie benadrukt, zijn er verschillende opties beschikbaar, elk met verschillende economische en technische gevolgen. De studie toont aan dat geen beslissing nemen in elk scenario de duurste optie zou zijn en België tegen 2050 dubbel zo afhankelijk zou maken van de invoer van elektriciteit (in vergelijking met 2020).
Het elektriciteitsverbruik in Duitsland zal tegen 2045 aanzienlijk toenemen, maar tegen een trager tempo en met een lager streefcijfer dan voorzien in het Duitse netontwikkelingsplan. Dit is de belangrijkste conclusie van de studie 'ELEKTRICITEITSVERBRUIK TOT 2045: Minder elektriciteitsverbruik - Meer tijd voor netuitbreiding', uitgevoerd in opdracht van 50Hertz in 2024. De tragere toename van het elektriciteitsverbruik zal leiden tot een tragere toename van de vereisten voor netuitbreiding. Het volgende netontwikkelingsplan moet daarom een bijkomend scenario bevatten dat uitgaat van een lager elektriciteitsverbruik. Op basis hiervan kan de noodzakelijke uitbreiding van het transmissienet efficiënter worden gespreid. Dit zou dan weer zorgen voor een doeltreffender gebruik van investeringsfondsen voor netuitbreiding, en zo de herstructureringskosten van het systeem voor de netgebruikers beperken.
Tijdens de WindEurope-conferentie in Bilbao in april 2024 lanceerden Elia Group en de Deense windontwikkelaar Ørsted 'Making Hybrids Happen': een studie die Europa moet helpen om de obstakels weg te werken die de ontwikkeling van hybride projecten in de weg staan. Het document stelt innovatieve aanpakken voor offshore ontwikkeling voor, waaronder de invoering van regionale planning op het niveau van de zeebekkens en de oprichting van Offshore Investeringsbanken voor de Europese zeebekkens.
In oktober lanceerde Elia Group zijn visie voor 2025 onder de naam 'Going Like the Wind'. Die studie onderzoekt hoe het potentieel aan schone energie van de Europese zeeën kan worden ontsloten. De studie schetst hoe, tussen 2030 en 2050, internationale samenwerking, het verminderen van het risiconiveau van investeringen en ruimtelijke ordening in de ontwikkeling van offshore windenergie de kosten van de energietransitie in Europa met meer dan €1.000 miljard kunnen verlagen. In het document wordt uitgelegd hoe handhaving van de huidige status quo het duurzame concurrentievermogen in gevaar zou brengen en zou betekenen dat aanzienlijke besparingen op het vlak van efficiëntie worden misgelopen.
In maart namen meer dan 100 deelnemers deel aan de hackathon van Elia Group in Brussel. De deelnemers onderzochten hoe flexibele activa – zoals elektrische voertuigen en warmtepompen – op afstand kunnen worden bestuurd in reactie op real-time systeembehoeften, zoals weerspiegeld door de real-time elektriciteitsprijzen. Het winnende team, Elexide, toonde aan welke rol e-mobiliteit kan spelen in de energietransitie.
In april heeft 50Hertz een nieuwe power-to-heat centrale ingehuldigd in samenwerking met Neubrandenburger Stadtwerke GmbH. De centrale zet overtollige groene elektriciteit om in stadsverwarming, en voorziet op die manier 40% van de huishoudens in Neubrandenburg van klimaatneutrale warmte. In november ondertekenden 50Hertz en BASF een contract voor een gelijkaardige installatie in de productiesite van BASF in Lausitz. De installatie zal eind 2026 operationeel zijn.
nPlan, een Britse start-up, won de zevende Open Innovation Challenge (OIC) van Elia Group, die gericht was op het versnellen van de uitvoering van CAPEX. De juryleden feliciteerden nPlan tijdens de OIC-finale in Berlijn, en stipten aan hoe eenvoudig de tool kan worden geïmplementeerd en projectrisico's kan verminderen, wat onmiddellijke voordelen oplevert. In totaal schreven 95 start-ups van over de hele wereld zich in om deel te nemen aan deze uitdaging. nPlan won een prijs van €50.000 om zijn project samen met experts van Elia Group verder uit te werken.
Elia Group heeft met succes de verwerving afgerond van een minderheidsbelang in energyRe Giga Projects, waarbij \$250 miljoen wordt ingezet van de \$400 miljoen die over een periode van drie jaar wordt geïnvesteerd. De participatie van Elia Group zal 35,1% bedragen eenmaal het volledige bedrag is volstort. De gelden van deze investering zullen volledig worden aangewend voor de financiering van projectontwikkeling in elektriciteitstransmissie en hernieuwbare energieopwekking in de VS.
De verworven participatie wordt verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode en gerapporteerd onder het niet-gereguleerde segment en Nemo Link. Deze stap past in de groeistrategie van Elia Group in Europa en de VS, aangezien de Groep zich richt op de uitbreiding van zijn overzeese activiteiten en de versterking van de ontwikkeling van duurzame energieoplossingen. De verwerving luidt de intrede van Elia Group op de Amerikaanse markten in (met WindGrid als de aangewezen holdingmaatschappij voor de participatie), en positioneert de Groep naast energyRe als een gevestigde partner met een robuuste projectpijplijn.
Elia Grid International (EGI) vierde zijn tiende verjaardag in 2024. Als een van de dochterondernemingen van Elia Group levert de onderneming consultancydiensten aan andere netbeheerders, regulatoren, overheden en privéontwikkelaars in Europa, het Midden-Oosten, Zuidoost-Azië en Noord-Amerika. Tien jaar na zijn oprichting draagt EGI ten volle bij aan de marktpositionering van de Groep. Het bedrijf heeft zicht op nieuwe industriële ontwikkelingen over de hele wereld en vergroot zo de kennis en expertise van de Groep.
Elia Group kondigt een €2,2 miljard equitypakket aan, inclusief een via private plaatsing onderschreven bedrag van €850 miljoen om infrastructuurinvesteringen te financieren, de betrouwbaarheid van het net te verzekeren en de concurrentiekracht van duurzame energie te bevorderen
Elia Group is verheugd om aan te kondigen dat zij met succes overeenkomsten afgesloten heeft om €850 miljoen op te halen via een private plaatsing (of 'PIPE') van nieuwe aandelen bij een specifieke groep investeerders. Bij de investering zijn "ATLAS Infrastructure ("ATLAS") samen met The Future Fund", Fondsen en rekeningen onder beheer van directe en indirecte dochterondernemingen voor beleggingsbeheer van BlackRock Inc. ("BlackRock"), Canadian Pension Plan Investment Board ("CPP Investments") en de referentieaandeelhouder van Elia Group, Publi-T/NextGrid Holding, betrokken. De opbrengst zal worden gebruikt om te investeren in netwerk infrastructuur van de Groep en om haar groeistrategie te bevorderen. De PIPE maakt deel uit van een breder plan om ongeveer €2,2 miljard kapitaal op te halen, met een aandelenuitgifte die kort na de afsluiting van de PIPE zal worden gerealiseerd.
Voor meer informatie, zie volgend link: https://www.eliagroup.eu/en/press
De entiteiten van Elia Group haalden een recordbedrag van €9,7 miljard aan liquiditeiten binnen via verschillende transacties in alle entiteiten van de Groep. Een aanzienlijk bedrag van €4,5 miljard was als groen bestempeld. Dit benadrukt het doel en de aanwending van opbrengsten die bijdragen aan projecten voor energietransitie. Aan het einde van het jaar was er nog €7,4 miljard beschikbaar op kas(beheer)rekeningen of via niet-opgenomen faciliteiten, waardoor het risiconiveau van activiteiten begin 2025 kan worden verminderd.
Elia Group heeft een termijnlening afgesloten van €300 miljoen met een looptijd van 3 jaar en een variabele rentevoet gekoppeld aan de Euribor. De lening is volledig afgedekt, wat resulteert in een vaste schuldkost van 3,5033%. De lening werd gebruikt om de initiële overbruggingsfaciliteit te herfinancieren die werd afgesloten om de investering in EnergyRe Giga Projects te financieren en voor andere algemene bedrijfsdoeleinden. Daarnaast gaf Elia Group met succes een senior obligatie van €600 miljoen uit met een looptijd van 7 jaar en een coupon van 3,875%. De opbrengsten van deze obligatieuitgifte werden gebruikt voor algemene bedrijfsdoeleinden, waaronder de financiering van Eurogrid en de herfinanciering van bestaande schulden.
De aandeelhouders van Eurogrid GmbH, Elia Group en KfW voerden een kapitaalverhoging door van €600 miljoen, waarvan €480 miljoen werd verstrekt door Elia Group en €120 miljoen door KfW, wat duidelijk hun vertrouwen aantoont in de investeringen die 50Hertz doet in de netinfrastructuur.
Eurogrid, de moedermaatschappij van 50Hertz, haalde met succes een totaalbedrag van €3 miljard binnen via de uitgifte van haar derde, vierde, vijfde en zesde groene obligatie. De opgehaalde fondsen zullen belangrijke netuitbreidingsprojecten financieren voor de energietransitie, zowel op land als op zee, om de integratie van hernieuwbare elektriciteit en het transport te verbeteren.
Begin 2024 haalde Eurogrid €1,5 miljard op met een groene obligatie in twee schijven, waaronder een obligatie van €700 miljoen, met een looptijd van 5 jaar en een coupon van 3,59%, en een obligatie van €800 miljoen met een looptijd van 10 jaar en een coupon van 3,92%. Later in het jaar gaf Eurogrid zijn vijfde en zesde obligatie uit, en haalde daarbij nog eens €1,5 miljard op: een obligatie van €650 miljoen met een looptijd van 3 jaar en een coupon van 3,08%, en een obligatie van €850 miljoen met een looptijd van 11 jaar en een coupon van 3,73%. Deze succesvolle plaatsing betekent het hoogste obligatiebedrag ooit in de geschiedenis van het bedrijf, en onderstreept Eurogrid's uitstekende toegang tot de kapitaalmarkt.
Tot slot heeft Eurogrid met succes een heropneembare kredietfaciliteit (RCF) van €3 miljard afgesloten met vijftien nationale en internationale banken om zijn toekomstige investeringen in netwerkinfrastructuur te ondersteunen. De RCF, die loopt tot 2027 met een optie tot verlenging, is een aanvulling op andere kapitaalmarktinstrumenten die worden gebruikt om de investeringsprojecten van 50Hertz te financieren.
Begin 2024 gaf ETB met succes een tweede groene obligatie van €800 miljoen uit in het kader van zijn Euro Medium Term Notes ('EMTN') programma van €6 miljard. De obligatie heeft een coupon van 3,75% en een vaste looptijd van 12 jaar. De opbrengst van deze uitgifte zal worden gebruikt voor de financiering en/of herfinanciering van in aanmerking komende groene projecten, waarmee ETB
aantoont dat het zijn financieringsbronnen en investeerdersbasis kan diversifiëren ter ondersteuning van zijn ambitieuze investeringsplannen in België.
In oktober ondertekenden de Europese Investeringsbank (EIB) en ETB een groene kredietfaciliteit van €650 miljoen, waarmee de financieringsportefeuille van ETB verder werd uitgebreid en de transitie van Europa van fossiele brandstoffen naar groene energie werd bevorderd. De opbrengsten van deze overeenkomst zijn bestemd voor de realisatie van de eerste fase van het project Prinses Elisabeth Eiland. Deze kredietfaciliteit werd in november 2024 volledig opgenomen. De lening heeft een looptijd van 15 jaar, een vaste rente van 2,937% en een aflossingsprofiel met een aflossingsvrije periode van 2 jaar. Dit Belgische energie-eiland is cruciaal voor zowel de Belgische als de Europese energietransitie. Het zal immers helpen om aanzienlijke hoeveelheden windenergie van de Noordzee naar de verbruikscentra op het vasteland te brengen.
ETB tekende ook een nieuwe, aan duurzaamheid gekoppelde heropneembare kredietfaciliteit ter waarde van €1,26 miljard, ter vervanging van de vorige. Deze kredietfaciliteit, die aansluit bij de duurzame financieringsstrategie van ETB, is gekoppeld aan ambitieuze prestatiedoelen op het vlak van duurzaamheid, en benadrukt de inzet van het bedrijf voor doelstellingen inzake milieu, maatschappij en governance (ESG).
Als gevolg van het voorzichtige financiële beleid en de evenwichtige financieringsplannen heeft ratingbureau Standard & Poors de huidige kredietbeoordeling van de Groep bevestigd op BBB met stabiele vooruitzichten. Ondanks het uitdagende investeringsprogramma en de daaraan verbonden risico's erkende S&P de stabiliteit van het onderliggende regelgevende kader en de capaciteit van Elia Group om nog beter te presteren.
Het European Life Programme kondigde aan dat het €3,7 miljoen zal toekennen aan de vogelbeschermingsmaatregelen die in het ontwerp van het Princess Elisabeth Eiland worden opgenomen. ETB ontwikkelde de maatregelen samen met experts in natuurbehoud en marien milieu om de drieteenmeeuw – een kwetsbare vogelsoort – te beschermen. Samen met een aantal andere maatregelen maken ze deel uit van de Nature-Inclusive Design-aanpak van ETB voor de ontwikkeling van het energie-eiland.
Op 2 oktober publiceerde de BNetzA de definitieve vaststelling van het rendement op eigen vermogen (ROE) voor nieuwe investeringen in de offshore sector voor de duur van de vierde tariefperiode (2024 tot 2028). De beslissing voorziet in een regeling die ongewijzigd blijft ten opzichte van de raadpleging over de kernpunten van november 2023 en de regeling die eerder werd uitgevaardigd voor de onshore sector. De aanpassing van het aandelenrendement aan het jaarlijkse niveau van de risicovrije rentevoet is dus uitsluitend bedoeld voor nieuwe investeringen vanaf het jaar 2024 (gemiddeld in 2024: 5,65% na belastingen). Investeringen tot het jaar 2023 zullen worden toegepast met een ongewijzigd vast rendement op eigen vermogen (4,13% na belastingen). In december bevestigde het Duitse Hooggerechtshof de vaststelling van het vaste rendement voor onshore investeringen tot 2023, dat ook voor offshore zal gelden.
De BNetzA heeft de productiviteitsfactor (Xgen) vastgesteld op 0,86% voor de vierde regulatoire tariefperiode (2024 tot 2028). Dit is een verbetering ten opzichte van de 0,90% die van toepassing was in de derde regulatoire tariefperiode (2019 tot 2023) alsook een verbetering ten opzichte van de aanvankelijke 0,91% die tijdens het consultatieproces werd voorgesteld aan de BNetzA.
'Fully Charged for Change', het geïntegreerde jaarverslag van Elia Group voor 2023, werd door het Belgisch Instituut der Bedrijfsrevisoren uitgeroepen tot het beste duurzaamheidsverslag dat door een beursgenoteerde onderneming werd gepubliceerd. Tijdens de uitreiking van de Belgian Awards for Sustainability Reports prezen de juryleden de voortdurende verbeteringen die de Groep had doorgevoerd om duurzaamheid in zijn strategie te integreren, evenals de talrijke interacties tussen Elia Group en zijn stakeholders. Elia Group publiceerde in 2023 voor het eerst een volledig geïntegreerd rapport, waarin financiële en niet-financiële informatie in één verslag worden gecombineerd.
Begin 2024 werd ETB voor het zevende jaar op rij uitgeroepen tot een van de 'Top Employers' in België. Zijn totaalscore steeg van 88% naar 90%. De jury benadrukte de sterke punten van ETB op het vlak van welzijn op het werk en diversiteit, gelijkheid en inclusie.
Bovendien ontving 50Hertz opnieuw het label 'Topbedrijf' van Kununu, een toonaangevend platform voor werkgeversbeoordelingen. De score werd berekend op basis van de vele positieve beoordelingen van sollicitanten en werknemers. 50Hertz behield zijn gemiddelde waardering van 4,4 sterren (op een maximum van vijf), die werd berekend op basis van het dubbele aantal beoordelingen dat het bedrijf het jaar voordien had gekregen.
De financiële resultaten van Elia Group en haar dochterondernemingen blijven robuust in een context met crisissen (oorlog in Oekraïne, prijsstijgingen, enz.) en een versnelde energietransitie (toename van het aandeel van hernieuwbare energieën in de energiemix).
De financiële vaste activa omvatten de volgende participaties:
De wijzigingen die in 2024 zijn opgetreden, bestaan voornamelijk uit twee kapitaalverhogingen ondertekend door Elia Group, een eerste voor een bedrag van €480,0 miljoen ten gunste van Eurogrid International NV en de tweede voor een bedrag van €39,2 miljoen ten gunste van Windgrid NV.
In 2024 heeft Elia Group zich ook gecommitteerd om €12,5 miljoen te investeren in SET Fund IV, een internationaal venture capital fund van €200 miljoen beheerd door SET Ventures. Dit kapitaal zal de komende 4 jaar geleidelijk worden geïnvesteerd. Op 31 december 2024 bedraagt de investering van Elia Group in SET Fund IV €1,6 miljoen en wordt opgenomen in de andere financiële vaste activa (aandelen en deelnemingen).
De vorderingen op ten hoogste één jaar bedragen €322,6 miljoen, de stijging van €216,6 miljoen is voornamelijk te wijten aan de toename van de overige vorderingen als gevolg van de lening verleend aan Windgrid USA LLC van US\$234,8 miljoen en de lopende rekening tussen Elia Group en Eurogrid International NV voor €2,0 miljoen. De lening aan Windgrid USA LLC is gedekt door valutatermijncontracten. Tegen de gedekte wisselkoers bedraagt de lening op 31 december 2024 €223,5 miljoen. Deze stijging werd gedeeltelijk gecompenseerd door een daling van de handelsvorderingen met €8,7 miljoen.
De eigen aandelen aangehouden op 31 december 2024 bedragen €3,2 miljoen en komen overeen met 38.741 aandelen aangekocht in het kader van het liquiditeitscontract. In verband hiermee heeft Elia Group SA een liquiditeitsovereenkomst gesloten met Exane BNP Paribas, waarbij deze laatste het mandaat heeft om Elia Group-aandelen te kopen en verkopen op de gereguleerde markt van Euronext Brussels. Exane BNP Paribas handelt namens en voor rekening van Elia Group SA en in het kader van een discretionair mandaat zoals toegestaan door de buitengewone algemene vergadering van 18 mei 2021. Het doel van het liquiditeitscontract is om de liquiditeit van de aandelen van Elia Group, die genoteerd staan op Euronext Brussels, te ondersteunen.
| Aantal eigen aandelen | 2024 | 2023 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 22.079 | 13.480 |
| Teruggekocht in de loop van het jaar | 377.575 | 434.830 |
| Verkocht in de loop van het jaar | (360.913) | (426.231) |
| Aantal eigen aandelen op het einde van het jaar | 38.741 | 22.079 |
In 2024 bedroeg de vergoeding voor de verworven of verkochte aandelen respectievelijk €36,4 miljoen (€49,6 miljoen in 2023) en €35,0 miljoen (€48,7 miljoen in 2023).
De cashpositie (liquide middelen en geldbeleggingen) bedraagt €106,6 miljoen, een stijging van €65,3 miljoen.
De overlopende rekeningen bedragen €9,0 miljoen, een stijging van €4,4 miljoen ten opzichte van vorig jaar, voornamelijk gerelateerd aan de stijging van de rente als gevolg van de lening verleend aan Windgrid USA LLC.
Op 31 december 2024 bestaan het kapitaal en de uitgiftepremies uit de volgende rubrieken:
| in miljoen € | 2024 | 2023 |
|---|---|---|
| Kapitaal | 1.833,7 | 1.833,6 |
| Uitgiftepremies | 739,1 | 738,6 |
| Einde boekjaar | 2.572,8 | 2.572,2 |
Op 31 december 2023 zijn er geen warrants en geen converteerbare obligaties die aanleiding kunnen geven tot een toename van het aantal aandelen.
| in miljoen € | 2024 | 2023 |
|---|---|---|
| Wettelijke reserves | 183,4 | 183,4 |
| Reserves voor eigen aandelen | 3,2 | 2,4 |
| Belastingvrije reserves | 0,1 | 0,1 |
| Beschikbare reserves | 0,0 | 0,7 |
| Overgedragen winst | 135,6 | 144,4 |
| Totaal | 322,3 | 331,0 |
In toepassing van artikel 5:148 § 2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werd een onbeschikbare reserve gevormd, gelijk aan de waarde waarvoor de aandelen in de inventaris zijn ingeschreven.
De langlopende financiële schulden bedragen €898,4 miljoen en omvatten onder meer twee obligatielening, een achtergestelde lening en een termijnlening.
| (in miljoen €) (boekwaarde) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Achtergestelde leningen | 499,4 | 499,3 |
| Uitgifte van euro-obligaties | 896,2 | 299,1 |
| Revolving Credit Facility | 0,0 | 100,0 |
| Overige leningen Termijnlening |
1 300,0 |
0,0 |
| Totaal leningen | 1.695,6 | 898,4 |
Tijdens de periode heeft de Groep de volledige terugbetaling uitgevoerd van de gebruikte kredietfaciliteit ter waarde van €100 miljoen op 31 december 2023, terwijl een nieuwe obligatielening met een nominale waarde van €600 miljoen en een termijnlening met een nominale waarde van €300 miljoen zijn uitgegeven.
| (in miljoen €) (nominale waarde) | Vervaldag | Nominale waarde |
|---|---|---|
| Uitgifte van achtergestelde lening 2023/Onbepaald |
Datum 1e opvraag datum 05/2028 |
500,0 |
| Uitgifte van senior bond 2018/10 jaar | 2028 | 300,0 |
| Senior obligatielening 2024/7 jaar | 2031 | 600,0 |
| Termijnlening | 2024 | 300,0 |
| Totaal lange termijn 10 |
1.700,0 |
De handelsschulden (€5,0 miljoen) dalen met meer dan €4,3 miljoen tegenover eind vorig boekjaar. Het betreft voornamelijk te innen facturen, dit bedrag is hogereind 2023 als gevolg van de energyRe Giga-transactie.
De fiscale, salaris- en sociale schulden bedragen €6,5 miljoen. Dit zijn voornamelijk voorzieningen voor Het betreft voornamelijk geschatte belastingverplichtingen. De stijging ten opzichte van eind 2023 is voornamelijk te verklaren door een belastingschuld als gevolg van de invoering van het intragroepsoverschotmechanisme in 2024 (€6,2 miljoen). Voor meer informatie, zie de sectie belastingen.
De overige schulden bedragen €151,9 miljoen en omvatten voornamelijk het uit te keren dividend (€150,7 miljoen gebaseerd op een dividend van €2,05/aandeel).
De overlopende rekeningen bedragen bijna €30,6 miljoen tegenover €18,0 miljoen eind 2023. Deze rubriek bevat enkel de opgelopen en niet vervallen rente. Deze stijging van de rente is voornamelijk te verklaren door de uitgifte van de senior obligatie met een nominale waarde van €600 miljoen.
De omzet die in 2023 werd erkend, had betrekking op de afsluiting van dienstverleningscontracten uitgevoerd door de vennootschap voor rekening van haar dochteronderneming EGI SA/NV.
In 2024 heeft Elia Group geen operationele omzet, aangezien de dienstverleningscontracten van EGI SA/NV nu volledig op het niveau van deze dochteronderneming worden geboekt.
| (in miljoen €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Andere recuperaties | 1,6 | 2,8 |
| Intragroepfacturaties | 13,9 | 8,5 |
| Totaal | 15,5 | 11,3 |
De herfactureringen binnen de groep in 2024 omvatten voornamelijk diensten en terugvorderingen van kosten van de vennootschap als holding.
De overige niet-recurrente bedrijfsopbrengsten bedragen €14,5 miljoen. De Groep heeft gebruik gemaakt van een Belgisch belastingmechanisme dat bekend staat als het intragroepsoverschotmechanisme, vergelijkbaar met een fiscaal consolidatieregime. Dit mechanisme leidt tot de boeking van een vergoeding die, boekhoudkundig gezien, het fiscale effect gecompenseerd bij de belastingen op het resultaat.
De diensten en diverse goederen (€13,7 miljoen) zijn afgenomen met €8,0 miljoen. Deze daling is voornamelijk te wijten aan hogere kosten in 2023 als gevolg van de investering in energyRe Giga.
De bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen zijn als volgt opgesplitst:
| (in miljoen €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Bezoldigingen | 1,3 | 2,0 |
| Sociale lasten | 0,3 | 0,3 |
| Pensioenen en gelijkaardige verplichtingen | 0,0 | 0,0 |
| Overige sociale lasten | 0,3 | 0,2 |
| Totaal | 2,0 | 2,5 |
De bezoldigingen en sociale lasten zijn met €0,5 miljoen afgenomen ten opzichte van 2023.
De recurrente financiële opbrengsten bedragen €208,5 miljoen en bestaan voornamelijk uit ontvangen dividenden voor een bedrag (€137,0 miljoen) van Eurogrid International en Elia Transmission Belgium (€40,8 miljoen), en €22,3 miljoen aan rente op leningen en deposito's en een gerealiseerde wisselkoerswinst van €7,4 miljoen als gevolg van de invoering van termijncontracten op de lening aan Windgrid USA.
De recurrente financiële kosten (€65,5 miljoen) omvatten vooral de intresten voortvloeiend uit de lange- en kortetermijnleningen (€61,0 miljoen).
In 2024 bedraagt de winst over het boekjaar voor belastingen €157,0 miljoen. Rekening houdend met fiscale ongelijkheden zoals definitief belastbare inkomsten, had er geen belastinglast moeten worden geboekt op 31 december 2024 als de implementatie van het intra-groepsoverschotmechanisme niet had geresulteerd in een last voor de vennootschap (€15,0 miljoen). In de huidige regelgeving zorgt de toepassing van het mechanisme niet voor een belastingbesparing voor de Groep, een situatie die de vennootschap bij de belastingdienst wil aanvechten om de betaalde bedragen terug te vorderen.
De raad van bestuur zal aan de algemene vergadering van 20 mei 2024 voorstellen om een dividend uit te keren van €2,05/aandeel en de winst als volgt te verdelen:
| in € | 2024 |
|---|---|
| Winst van het boekjaar | 141.949.154,97 |
| Resultaat overgedragen van het vorige boekjaar | 144.423.461,28 |
| Toewijzing aan de wettelijke reserve | 0,00 |
| Jaarverslag | Elia Group NV Btw-nr. BE0476.388.378 |
|---|---|
| Toewijzing aan de overige reserves | 143.912,02 |
| Uitkering van dividenden | 150.650.762,85 |
| Interim-dividend | 0,00 |
| Over te dragen resultaat | 135.577.941,38 |
Op 31 december 2024 heeft de vennootschap termijncontracten voor de aankoop van valuta (EUR/USD). Deze dekkingen zijn aangegaan om het wisselkoersrisico te dekken op de lening die aan Windgrid USA is verstrekt voor US\$234,8 miljoen. De reële waarde op 31 december 2024 is negatief en bedraagt €1,4 miljoen.
De vennootschap heeft ook een renteswapcontract. Deze dekking is aangegaan om de rentetariefvolatiliteit van de termijnlening van €300 miljoen te dekken. De reële waarde op 31 december 2024 is negatief en bedraagt €4,5 miljoen.
Na de afsluiting van het boekjaar hebben zich geen significante gebeurtenissen voorgedaan, behalve de aankondiging van een kapitaalinzameling van €2,2 miljard, waarvan €850 miljoen is veiliggesteld via een privéplaatsing.
Op 7 maart 2025 heeft Elia Group aangekondigd dat het €850 miljoen heeft veiliggesteld via een privéplaatsing (PIPE) van nieuwe aandelen bij een specifieke groep investeerders. Aan deze investering deelnemen, ATLAS Infrastructure (« ATLAS ») met The Future Fund, fondsen en rekeningen beheerd door directe en indirecte dochterondernemingen van BlackRock Inc. (« BlackRock »), Canada Pension Plan Investment Board (« CPP Investments ») en de referentieaandeelhouder van Elia Group, Publi-T/NextGrid Holding. De opbrengst zal worden gebruikt om te investeren in de infrastructuur van de Groep en om zijn groeistrategie vooruit te helpen.
Deze PIPE-plaatsing maakt deel uit van een breder plan om ongeveer €2,2 miljard op te halen, met een kapitaalverhoging door uitgifte van rechten (right issue) die snel na de afsluiting van de PIPE moet worden uitgevoerd (vóór het einde van april 2025). De PIPE-plaatsing zal leiden tot de uitgifte van ongeveer 13,8 miljoen nieuwe aandelen. De nieuwe aandelen die in het kader van de PIPE worden uitgegeven, geven geen recht op het dividend 2024, waarvan de betaling is gepland voor juni 2025. Ze worden uitgegeven tegen een prijs van €61,88 per aandeel, overeenkomend met de Volume Weighted Average Price (VWAP) over 30 dagen, zonder korting, aangepast om rekening te houden met het loskoppelen van het recht op het dividend van 2024.
De afsluiting van de PIPE-plaatsing en de bijbehorende uitgifte van nieuwe aandelen in het kader van de PIPE zijn afhankelijk van bepaalde vereisten die op de datum van goedkeuring van dit rapport (namelijk 20 maart 2025) nog niet zijn vervuld, met name de daadwerkelijke lancering van de uitgifte van rechten. ATLAS, BlackRock en CPP Investments hebben zich onherroepelijk verbonden deel te nemen aan de geplande uitgifte van rechten en alle rechten verbonden aan de nieuw uitgegeven PIPEaandelen uit te oefenen. Evenzo heeft Publi-T / NextGrid Holding zich verbonden in te schrijven op alle rechten die ze ontvangt zowel voor haar bestaande aandelen als voor haar nieuw uitgegeven aandelen in het kader van de PIPE. Bovendien zal Publi-T / NextGrid Holding de rechten van Publipart die overeenkomen met de klasse A-aandelen (2,5%) van deze laatste verwerven, met de intentie ze uit te oefenen en in te schrijven op het overeenkomstige aantal nieuwe klasse C-aandelen.
In totaal heeft Elia Group dus onherroepelijke inschrijvingsverplichtingen ontvangen die meer dan 55% van de omvang van de geplande uitgifte van rechten vertegenwoordigen. Het gedeelte van de uitgifte van rechten dat niet onder een verplichting valt, zou moeten worden opgenomen in een underwritingovereenkomst met een syndicaat van banken.
De bezoldigingen van het college van commissarissen bedragen voor de uitoefening van het auditmandaat €185.970,09 in 2024.
Extra opdrachten werden gefactureerd voor een totaal van €243.075,10, voornamelijk gerelateerd aan CSRD-vergoedingen. Andere externe opdrachten buiten de auditopdracht zijn ook in rekening gebracht voor een totaal van €90.000,00. Al deze diensten zijn vooraf goedgekeurd door het auditcomité.
Onze innovatie-roadmap voor de periode 2024-2027 is beschikbaar op onze website.
Hierin worden de belangrijkste innovatiegebieden in detail beschreven. Deze omvatten:
De onderneming heeft geen bijkantoren in België of in het buitenland.
De bestuurders hebben de continuïteitsveronderstellingen van de Vennootschap opnieuw beoordeeld en gingen er bij de goedkeuring van de jaarrekening van uit dat de Vennootschap voldoende middelen had om haar operationele activiteiten in de afzienbare toekomst voort te zetten. De onderneming heeft een positief eigen vermogen. Bijgevolg blijft het continuïteitsbeginsel van toepassing bij het opstellen van de jaarrekening.
De bestuurders van Elia Group NV moeten de bepalingen van artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen strikt naleven. De procedure van artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werd in 2024 eenmaal toegepast, aangezien Bernard Gustin een financieel belangenconflict had in de zin van artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen met betrekking tot de beslissing van de raad van bestuur van 12 december 2024 om hem te benoemen tot gedelegeerd bestuurder van Elia Group NV met ingang van 15 januari 2025. De notulen van deze vergadering met betrekking tot dit agendapunt worden overeenkomstig artikel 7:96 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen gehecht aan het bestuursverslag van Elia Group NV.
In geval van gevoelige of vertrouwelijke informatie moeten de bestuurders overleg plegen met de voorzitter van de Raad van Bestuur, in overeenstemming met het Corporate Governance Charter.
Bovendien is de procedure voorzien in artikel 7:97 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen opnieuw toegepast in het kader van een beslissing waarbij een met Elia Group verbonden partij betrokken was:
De openbare bekendmaking van dit besluit en de toepassing van de procedure is beschikbaar op www.eliagroup.eu.
Bij Elia Group is bedrijfsrisicobeheer ('Enterprise Risk Management' of ERM) niet louter een functionele eenheid maar een proces dat onze medewerkers die in hun dagelijks werk met risico's en opportuniteiten te maken hebben met de bestuursorganen van ons bedrijf verbindt. Onze medewerkers streven allemaal hetzelfde doel na, meer bepaald redelijke garanties bieden dat de strategie en doelstellingen op het gebied van activiteiten, rapportering en compliance worden uitgevoerd.
Ons bedrijfsrisicobeheer ('Enterprise Risk Management' of ERM) bestaat uit een geïntegreerd kader van interne controles dat ervoor zorgt dat we risico's identificeren, beoordelen en beheren, zodat we onze activiteiten op een gecontroleerde, efficiënte en duurzame manier kunnen uitvoeren.

Dit kader omvat de essentiële bestanddelen waaruit ons ERM moet bestaan en is conform de reguleringsnormen en bedrijfscodes. Het is bedoeld om systematisch goed geproportioneerde 'checks and balances' in te voeren die de risicoblootstelling van onze Groep verminderen.

Dankzij dit ERM-kader is Elia Group een betrouwbaar bedrijf dat met zorg de risico's op alle organisatieniveaus tijdig, geproportioneerd en transparant beheert met de hulp van haar hiërarchisch georganiseerde bestuursorganen. Dankzij dit systeem waarmee we risico's en opportuniteiten beheren, kunnen we het effect van onzekerheden op het behalen van onze doelstellingen identificeren, begrijpen en beheren.
Dit kader is een concrete toepassing van het '3-lines model' dat door het IIA (Instituut van Internal Auditors) werd ontwikkeld en uit volgende lagen bestaat:
1ste verdedigingslinie - Bedrijfsactiviteiten: deze leveren producten en diensten aan onze klanten en worden op dagelijkse basis met risico's geconfronteerd. Hier gaat het om de primaire verantwoordelijkheid voor het beheren van organisatorische risico's; hiervoor moeten passende risicobeperkende controles worden ontworpen en ingevoerd.
2de verdedigingslinie - Advies verlenen en toezicht houden i.v.m. de risico's: deze rapporteren aan het senior management. Deze tweede verdedigingslinie omvat risicobeheers- en compliancefuncties die helpen om de eerste verdedigingslinie op te bouwen en/of erop toe te zien. Zij beoordelen activiteiten en belangrijke risico's om ervoor te zorgen dat deze in lijn zijn met de bedrijfsdoelstellingen, de wet- en regelgeving en onze strategische doelstellingen.
3de verdedigingslinie – Onafhankelijke zekerheid: de interne audit zorgt voort onafhankelijke zekerheid over de toereikendheid en doeltreffendheid van ons bedrijfsrisicobeheer en onze bredere interne controleomgeving.

Er is een sterke link tussen ons bedrijfsrisicobeheer en de dubbele materialiteitsbeoordeling die volgens de richtlijn inzake duurzaamheidsverslaggeving voor bedrijven ('Corporate Sustainability Reporting Directive' of CSRD) wordt uitgevoerd. Het resultaat van deze beoordeling wordt teruggekoppeld naar het beheersproces van onze risico's en opportuniteiten. En ook omgekeerd vormen de effecten, risico's en opportuniteiten die tijdens het jaar zijn geïdentificeerd de input voor de jaarlijkse materialiteitsbeoordeling. Dit wijst erop dat de aanpak van de Groep gebaseerd is op geïntegreerd denken, wat op zijn beurt de Groep helpt om op termijn toegevoegde waarde te creëren en te behouden.
Het identificeren van de risico's gebeurt op verschillende niveaus van de organisatie.
Op operationeel niveau maken de risico's m.b.t. de bedrijfsactiviteiten deel uit van onze dagelijkse activiteiten. Hier moeten opkomende en veranderende risico's in een zeer dynamische bedrijfsomgeving worden geïdentificeerd. Het management zorgt ervoor dat de bedrijfsactiviteiten worden gemonitord, de interne controles doeltreffend zijn en lacunes die deze interne controles moeten versterken, worden aangepakt. Risicobeheer moet ervoor zorgen dat deze taken deel uitmaken van een bottom-up-aanpak zodat de bestuursorganen van ons bedrijf een waarheidsgetrouw en eerlijk beeld van de risico's krijgen.
Op strategisch niveau identificeren we voortdurend nieuwe bedreigingen voor de uitvoering van onze strategie of onvoorziene obstakels die de voortgang van onze risicobeperkende plannen in gevaar brengen. De Risk Manager en de colleges van dagelijks bestuur houden elkaar op de hoogte en zijn alert voor veranderingen die een eventuele aanpassing van de risicobeoordeling en de daaraan verbonden actieplannen vereisen. Deze dialoog maakt deel uit van het risicobeheersproces en vindt meestal plaats wanneer de risicoverslagen van de Groep en de lokale risicoverslagen worden voorgesteld of ad-hoc-risico-oefeningen worden uitgevoerd. Binnen deze top-down-aanpak moet het risicobeheer ervoor zorgen dat strategische acties op de juiste manier worden vertaald naar de bedrijfsactiviteiten.
Door het gelijktijdig hanteren van een top-down- en bottom-up-aanpak kan Elia Group nieuwe bedreigingen identificeren en, in de mate van het mogelijke, hierop anticiperen. Daarnaast kan ze op eventuele incidenten reageren, zowel buiten als binnen de organisatie, die de realisatie van de doelstellingen zouden kunnen beïnvloeden.
Risicodimensies: Risicodimensies: potentiële schade wordt uitgedrukt in termen van bevoorradingscontinuïteit, veiligheid & gezondheid, reputatie, winst & verlies of cashflow.
De kriticiteit van het risico is een afweging van de waarschijnlijkheid dat het zich voordoet en de impact ervan.
Waarschijnlijkheid dat een risico zich voordoet:
| 5 | Bijna zeker | Er is >80% kans dat het voorval zich één keer per jaar zal voordoen |
|---|---|---|
| Valideren van de groepsstrategie | ||
| 4 | Waarschij nlijk |
Er is >80% kans dat het voorval zich één keer om de drie jaar zal voordoen |
| 3 | Mogelijk | Er is >80% kans dat het voorval zich één keer om de tien jaar zal voordoen |
| 2 | Laag | Er is een kans van 20 tot 80% kans dat het voorval zich één keer om de tien jaar zal voordoen |
| 1 | Erg gering | Er is minder dan 20% kans dat het voorval zich één keer om de tien jaar zal voordoen. |
Impact (in de praktijk wordt de schaal vertaald in specifieke criteria voor elke risicodimensie):
| 5 | Levensbedreigend |
|---|---|
| 4 | Hoog |
| 3 | Gemiddeld |
| 2 | Laag |
| 1 | Geen |
We beoordelen ook wanneer een risico kan ontstaan. Daarbij beoordelen we de tijd voordat er materiële schade wordt ondervonden: nu, korte (< één jaar), middellange (< vijf jaar) of lange termijn (> vijf jaar).
Risicobeheerders op groeps- en lokaal niveau beoordelen samen met de betrokken interne stakeholders de kriticiteit van elk substantieel risico. De kriticiteit is een afweging tussen de waarschijnlijkheid dat het risico zich voordoet, de geschatte impact van het risico en de doeltreffendheid van de controle- en risicobeperkende maatregelen die de waarschijnlijkheid en/of de impact zouden verminderen.
We beoordelen ook de ontwikkeling van deze risico's en hun substantiele karakter door te evalueren hoe hun kriticiteit ten opzichte van het vorige rapport veranderd is.
| Risicodimensies of gelijkwaardig |
Waarden die het substantiële karakter van risico's aangeven | |
|---|---|---|
| Continuïteit van de |
Aantal mensen die worden getroffen door verstoringen in de bevoorrading. | |
| bevoorrading | Een drempel van 250.000 mensen wordt als substantieel beschouwd. | |
| Reputatie | Een voorbeeld van een aanzienlijk effect op de reputatie is het niet tijdig | |
| leveren van transmissie-infrastructuur ter ondersteuning van de integratie van hernieuwbare energie. |
||
| Cashflow | Risico's die, indien ze zich voordoen, ertoe zouden leiden dat ten minste | |
| 10% van onze totale beschikbare liquiditeit wordt aangetast. | ||
| Winst en verlies | Risico's, die indien ze zich zouden voordoen, een impact van 1,5% op onze winst en verlies zouden hebben. |
|
| Veiligheid en |
Risico's die, indien ze zich voordoen, letsels bij het personeel en/of | |
| gezondheid | werkverzuim zouden teweegbrengen. | |
| Een bedreiging voor de | Elke bedreiging, die indien ze zich voordoet, een schadelijk effect kan | |
| uitvoering van onze |
hebben op de uitvoering van onze strategie. Bijvoorbeeld een bedreiging | |
| strategie of voor de |
voor de waardecreatie zoals uitgestippeld in onze voornaamste |
|
| waardecreatie | strategische initiatieven m.b.t. de netten, het systeembeheer, de |
|
| marktfacilitering of de ondersteuning van de energietransitie en in het | ||
| bijzonder de decarbonisatie. | ||
Het resultaat van de risicobeoordeling wordt vergeleken met onze risicobereidheid, het risiconiveau dat we bereid zijn om te aanvaarden bij het nastreven van onze doelstellingen, én voordat er actie nodig wordt geacht om het risico te beperken. Als de impact van risico's groter is dan onze risicobereidheid, worden er actieplannen doorgevoerd om de risico's te beperken, zodat hun impact afneemt tot een aanvaardbaar niveau. Er worden risicomatrixen ontwikkeld per risicodimensie om deze beoordeling te vergemakkelijken. De departementen vertalen deze risicomatrixen naar hun eigen bedrijfscontext om een consistent en transparant risicobeheer te garanderen.
De risicoverslagen van de Groep werden in 2024 tweemaal beoordeeld door de raad van bestuur en het auditcomité en ook door de colleges van dagelijks bestuur. Samen met de colleges van dagelijks bestuur droegen zij bij aan de beoordeling van de maatregelen die werden aangenomen om op uiteenlopende risico's te reageren. Wanneer er sprake was van mogelijke bedreiging of opportuniteiten, werden actieplannen of specifieke, themagerelateerde risicobeoordelingen uitgevoerd.
Elia Group evalueert continu of haar aanpak omtrent risicobeheer adequaat is. De evaluatieprocedures omvatten naast controleactiviteiten (die worden uitgevoerd als een onderdeel van onze normale bedrijfsactiviteiten) ook specifieke ad-hoc-beoordelingen van geselecteerde thema's. Het interne auditteam speelt een belangrijke rol in deze controleactiviteiten, aangezien het onafhankelijke evaluaties uitvoert van belangrijke financiële en operationele procedures, alsook van risicobeperkende
maatregelen. De resultaten van deze reviews worden aan het auditcomité gerapporteerd. Zo ondersteunen ze het auditcomité in het uitvoeren van zijn opdracht, namelijk het toezicht op de efficiëntie van de interne controlesystemen, het risicobeheer en de processen voor de duurzaamheidsverslaggeving van de onderneming.
14.2 Risico overzicht
De overgang naar een meer geëlektrificeerd en efficiënter energiesysteem dat rijk is aan hernieuwbare energiebronnen, zal helpen om minder gevoelig te zijn voor schommelende energieprijzen en de economie veerkrachtiger maken. Er komt echter steeds meer maatschappelijke kritiek op de kosten van infrastructuurprojecten om hernieuwbare energie aan te sluiten. Hierdoor is er groeiende bezorgdheid over de betaalbaarheid van de energietransitie voor Europese gezinnen en bedrijven.
| Hoofdoorzaak | Wat doet Elia Group? | Residueel risico | |
|---|---|---|---|
| 1. Energietransitie Om de energietransitie te laten slagen en de nationale klimaatdoelstellingen te behalen, moeten we ons elektriciteitsnet verder uitbreiden. Hierbij moeten we een evenwicht vinden tussen de pijlers van het energie trilemma: duurzaamheid, betaalbaarheid en bevoorradingszekerheid. |
Onze TNB-dochterondernemingen zijn verantwoordelijk voor het faciliteren van de energietransitie (via transmissie) in hun respectieve zones. We moeten daarom ons net verder ontwikkelen en daarbij rekening houden met duurzaamheid, betaalbaarheid en bevoorradingszekerheid. |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Cashflow – Betaalbaarheid – Reputatie |
|
| 2. Projectgerichte aanpak bij offshore ontwikkeling Gebrekkige planning heeft een negatieve impact op de kostenefficiëntie en betaalbaarheid op lange termijn. Goedkopere alternatieven vragen echter om aanzienlijke, toonaangevende netinvesteringen. |
We gaan deze uitdaging aan door ervoor te zorgen dat onze activiteiten kostenefficiënt zijn, zoals beschreven in Risico 2: toeleveringsketen. Omdat de Groep een centrale rol speelt in de energietransitie in Europa, pleiten we voor netinvesteringen en gepaste marktmechanismen via |
Hoog Heel Kriticiteit |
|
| 3. Gebrek aan regelgevend kader voor hybride interconnectoren Er ontbreekt een regelgevend kader op zowel Europees als nationaal niveau. |
meerdere initiatieven: – De visienota 'Making Hybrids Happen', die Elia Group samen met Ørsted geeft gepubliceerd, stelt een nieuwe aanpak voor offshore ontwikkeling voor en bekijkt onder meer de invoering van een regionale planning op het niveau van het zeebassin en de oprichting van Offshore Investeringsbanken voor de Europese zeebassins. We blijven pleiten voor de implementatie van deze benaderingen. – De blauwdruk over de Belgische energiemix onderstreept de nieuwe langetermijnnoden. – De visienota over offshore wind, 'Going Like the |
mpact I Heel Waarschijnlijk Heel heid Laag Heel Laag Hoog |
|
| 4. Tekorten in de toeleveringsketen De markt is verzadigd. Er is een grote vraag naar elektrische apparatuur en gekwalificeerde arbeidskrachten, wat de prijzen opdrijft. |
Impacttermijn nu 1 jaar 5 jaar |
op EU-niveau.
De Groep is afhankelijk van een beperkt aantal leveranciers en hun vermogen om tijdig apparatuur en/of infrastructuurwerken van goede kwaliteit te leveren. Elke annulering of vertraging in de voltooiing van haar projecten kan een nadelig effect hebben op haar bijdrage aan de energietransitie, hetgeen op zijn beurt een negatief effect kan hebben op de reputatie en organische groei van de Groep. Prijsstijgingen voor de apparatuur en het werk leiden tot hogere projectkosten die op hun beurt resulteren in hogere financieringsnoden.
| Hoofdoorzaak | Wat doet Elia Group? | Residueel risico |
|---|---|---|
| 1. Capaciteit van leveranciers Er zijn weinig leveranciers voor elektrische apparatuur. Er is een grote vraag naar materialen, wat leidt tot lange doorlooptijden. Er is een tekort aan contractors voor gespecialiseerde diensten. |
De leveranciersmarkt (platforms (HVDC-) transformatoren, convertors, kabels, enz.) heeft een beperkte productiecapaciteit. In dat context, zien we disproportionele prijsverhogingen dat een gebrek aan concurrentie weerspiegelt. Het is |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Reputatie – Aankoop & toeleveringsketen – Winst en verlies |
| 2. Prijsstijgingen Er zijn aanzienlijke prijsstijgingen voor hoge spanning |
essentieel om de concurrentie binnen Europa te verhogen en tegelijkertijd op zoek te gaan naar alternatieven buiten Europa (bijv. nieuwe leveranciers in Zuid-Korea en Japan). |
|
| elektrische apparatuur, vooral voor offshore uitrusting. 3. Veerkrachtige toeleveringsketen |
Daarom neemt de Groep een belangenbehartigende rol op zich, zoals beschreven in Risico 1: betaalbaarheid. |
Hoog Kriticiteit Heel |
| Toeleveringsketens zijn complex en hebben meerdere afhankelijkheden die de beschikbaarheid van geleverde goederen en diensten in gevaar kunnen brengen (door bijvoorbeeld klimaatomstandigheden, geopolitieke risico's). |
Daarnaast probeert de Groep haar toeleveringsketen te optimaliseren door: bestaande initiatieven voort te zetten: – prognoses verbeteren |
mpact I Heel Waarschijnlijk Heel Laag Heel heid |
| – de opslagcapaciteit vergroten – bestellingen anticipatief plaatsen en de doorlooptijd van aanbestedingen verkorten – kritieke categorieën nauwgezet opvolgen |
Laag Hoog Impacttermijn |
|
| Nieuwe initiatieven op te zetten of bestaande initiatieven te verbeteren: – anticiperen op tekorten bij leveranciers |
nu 1 jaar 5 jaar |
|
| – het leveranciersbestand voor producten met lange levertijden uitbreiden |
59 |
– het leveranciersbestand voor werkzaamheden
– technische standaarden & kosten beheren
uitbreiden
Het vermogen van de Groep om toegang te krijgen tot wereldwijde financieringsbronnen om de financieringsnoden van haar plannen te dekken en haar bestaande schulden te herfinancieren, is een sleutelcomponent van het bedrijfs- en strategisch plan van de Groep. Daarnaast kan de ontwikkeling van nieuwe activiteiten buiten de gereguleerde thuismarkten van de Groep leiden tot minder voorspelbare resultaten en kasstromen. Tot slot kunnen trusteeverplichtingen het werkkapitaal van de Groep negatief beïnvloeden.
| Hoofdoorzaak | Wat doet Elia Group? | Residueel risico |
|---|---|---|
| 1. Kredietwaardigheidsrisico Toekomstige netinvesteringen zetten onze balans onder druk. Er is veel financiering nodig om de groei van de gereguleerde activiteiten te ondersteunen, wat het moeilijk maakt voor de Groep om haar rating te behouden. |
Onze TNB-dochterondernemingen zijn verantwoordelijk voor het faciliteren van de energietransitie (via transmissie) in hun respectieve zones. Daarom is het belangrijk om een goede kredietrating te behouden. Dat zorgt immers voor financiële stabiliteit en versterkt het vertrouwen van investeerders. |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Winst en verlies – Betaalbaarheid |
| 2. Solvabiliteitsrisico Bepaalde trusteeverplichtingen kunnen een tijdelijke impact hebben op het werkkapitaal van de Groep. Onze TNB's spelen een belangrijke rol bij het ondersteunen van de staten bij hun adequacy-mechanismen en initiatieven voor hernieuwbare energie. |
Daarom zorgen we ervoor dat we financiering op lange termijn kunnen aantrekken en interessant blijven voor investeerders. Dit doen we door middel van: – gediversifieerde (en groene) financieringsbronnen in eigenvermogens- en schuldinstrumenten en een goed evenwicht bij de looptijden van de financiering; – succesvolle (groene) obligatie-uitgiftes in 2024 door ETB, Eurogrid & Elia Group; – maatregelen om de winstgevendheid te verbeteren en voortdurend nieuwe investeerders aan te trekken; – de ondertekening door ETB van een groene kredietlijn van €650 miljoen met de Europese Investeringsbank (EIB) voor het Prinses Elisabeth Eiland. |
Hoog Kriticiteit Heel |
| 3. Mogelijkheid om onze portefeuille te financieren De klimaatambities leiden tot een grootschalig investeringsprogramma om de energietransitie te realiseren. Hierdoor moeten we regelmatig de kapitaalmarkten aanspreken om een gezonde balans te behouden. |
mpact I Heel Waarschijnlijk Heel Laag Heel heid |
|
| Laag Hoog Impacttermijn |
||
| We beheren onze kasstroom op korte termijn ook door: – een afgescheiden structuur met afzonderlijke S&P kredietrating voor ETB, Elia Group en Eurogrid; – een solide liquiditeitspositie, ondersteund door een |
nu 1 jaar 5 jaar 60 |
heropneembare kredietlijn (RCF of 'Revolving Credit
– sterke monitoring van het EEG-mechanisme.
Facility);
Om toekomstige uitdagingen aan te pakken, moet de Groep een digitale transformatie ondergaan. Zo kunnen we flexibeler worden, de toenemende complexiteit van het energiesysteem beter beheren en een veilig, duurzaam en betaalbaar energiesysteem garanderen. Zonder deze digitale transformatie lopen we het risico op vertragingen in onze roadmap en moeilijkheden bij het beheer van het net, de toename van data-uitwisselingen en de cyberveiligheid.
De groeiende afhankelijkheid van een beperkt aantal leveranciers (voornamelijk uit de VS of China) voor het hosten van kritieke applicaties in een cloudomgeving, brengt onze digitale soevereiniteit in gevaar.
Door de grootschalige integratie van hernieuwbare energiebronnen (deels intermitterend) wordt het beheren van het elektriciteitssysteem complexer en zijn er meer middelen nodigen om de stabiliteit en operationele veiligheid van het net te waarborgen.
De convergentie van IT en OT maakt ons kwetsbaarder voor cyberaanvallen. Als onze digitale basis niet stevig genoeg is, kan dit onze veiligheid in gevaar brengen.
Als kritieke economische entiteiten moeten we de veiligheid en digitale soevereiniteit waarborgen.
Als Groep kunnen we synergieën tussen onze verschillende entiteiten benutten om onze digitale transformatie op een holistische manier aan te pakken. Dit doen we door een veilige digitale basis op te zetten, zoals:
Daarnaast zorgen we voor een efficiënt digitaal bedrijfsmodel door:



Laag
Hoog
De geplande infrastructuurprojecten zullen mogelijk niet volstaan om gelijke tred te houden met de elektrificatie van het energiesysteem. De snelheid van deze elektrificatie is moeilijk te voorspellen en onderhevig aan verschillende onzekerheden. Als we hier niet goed op inspelen, kunnen we als een bottleneck worden gezien.
| Hoofdoorzaak | Wat doet Elia Group? | Residueel risico |
|---|---|---|
| 1. Klantaansluitingen/capaciteitsaanv ragen en decarbonisatie van de industrie Er is veel vraag naar tijdige klantaansluitingen. |
Onze TNB-dochterondernemingen zijn verantwoordelijk voor het faciliteren van de energietransitie (via transmissie) in hun respectieve zones. Daarom moeten we ervoor zorgen dat het net op tijd klaar is om klanten te kunnen aansluiten. |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Reputatie – Netontwikkeling en systeembeheer – Duurzaam |
| 2. CAPEX-portefeuille |
Dit doen we door te anticiperen en klanten sneller | energiesysteem |
| De investeringsportefeuille groeit snel en de beschikbare interne middelen worden vooral gebruikt voor de geplande projecten. Daardoor blijft er weinig ruimte over voor nieuwe/ongeplande aanvragen. |
aan te sluiten door: – Key Account Managers een grotere rol en meer ondersteuning te geven, zodat zij de toekomstige noden van netgebruikers beter |
Hoog Kriticiteit Heel |
| 3. Kritieke menselijke middelen Tekort aan kritieke menselijke middelen om de infrastructuurprojecten in België en in mindere mate Duitsland te voltooien. |
kunnen inschatten; – het aansluitingsproces eenvoudiger te maken, zodat klanten sneller aangesloten kunnen worden. Daarnaast optimaliseren we de manier waarop we |
mpact I Heel Waarschijnlijk Heel Laag Heel heid |
| onze CAPEX-portefeuille bepalen door: – onze langetermijnplanning te herzien en dynamisch portefeuillebeheer toe te passen; – ons vervangingsbeleid te herzien om projectmiddelen optimaal te benutten; |
Laag Hoog Impacttermijn nu 1 jaar 5 jaar |
|
| Bovendien benutten we menselijke middelen beter door: – nieuwe leveringsmodellen toe te passen om middelen te besparen; – beter te kunnen voorspellen en aanpassingen |
62 |
te beperken om kritieke middelen beter te
benutten;
Het is essentieel dat we onze belangrijkste projecten die de energietransitie ondersteunen op tijd, binnen budget (zie risico 1 en 2) en met hoge kwaliteit voltooien. Lukt dat niet, dan kan dat een negatieve impact hebben op onze reputatie, financiële prestaties en algehele strategie.
De Groep moet zich houden aan milieuwetten en voorschriften voor ruimtelijke ordening, en tegelijkertijd inspelen op de groeiende publieke verwachtingen en bezorgdheden.
Vertragingen, problemen tijdens de bouw, kwaliteitsproblemen en verstoringen in de toeleveringsketen kunnen ervoor zorgen dat projecten niet tijdig worden gerealiseerd.
Om de energietransitie te realiseren, moeten we onze infrastructuurprojecten tijdig uitvoeren.
Daarom proberen we het vergunningsproces te verbeteren en te versnellen via:
We zorgen er ook voor dat projecten op tijd klaar zijn:
– extra personeel voor kritieke functies, zoals
– specifieke strategieën om risico's in de toeleveringsketen te beperken.
projectleiders en designers;


De transmissiesystemen die de Groep beheert, zijn uiterst betrouwbaar. Maar dat neemt niet weg dat onvoorziene gebeurtenissen (zogenaamde 'contingentie-incidenten') één of meer netelementen onbeschikbaar kunnen maken. In de meeste gevallen wordt, dankzij de vermaasde structuur van de netten, enkel de vlotte werking van het net op de proef gesteld. In meer uitzonderlijke gevallen kunnen incidenten in het elektriciteitssysteem echter leiden tot verstoringen van de bedrijfscontinuïteit.
| Hoofdoorzaak | Wat doet Elia Group? | Residueel risico |
|---|---|---|
| 1. Fysieke aanvallen Sabotage en terrorisme op onze transmissienetten die geografisch wijdverspreid liggen, kunnen het elektriciteitssysteem verstoren. 2. Cyberveiligheid Cyberaanvallen kunnen onze operationele processen verstoren. 3. Klimaat Extreme weersomstandigheden kunnen onze infrastructuur beschadigen |
Aangezien we een van de meest kritieke entiteiten in onze regio's zijn, moeten we ervoor zorgen dat ons net betrouwbaar blijft en beschermd is tegen aanvallen en onvoorziene gebeurtenissen. We beschermen onze infrastructuur tegen fysieke aanvallen door: – een streng beveiligingsconcept in te voeren |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Continuïteit van de – IT-beveiliging bevoorrading – bevoorradings – Reputatie zekerheid – Veiligheid en gezondheid |
| met duidelijke rollen en verantwoordelijkheden binnen onze organisaties; – activiteiten te monitoren en vroegtijdige detectiesystemen te implementeren. Bovendien beveiligen we onze operationele processen tegen cyberaanvallen door: – te voldoen aan NIS 1 en ons voor te bereiden op NIS 2. |
Hoog Heel Kriticiteit mpact I Heel Waarschijnlijk Heel Laag Heel heid |
|
| Tot slot bereiden we ons voor op de klimaatverandering en de impact ervan op onze infrastructuur door middel van de volgende elementen: – klimaatkwetsbaarheidsbeoordelingen van de infrastructuur, actieve monitoring en regelmatige risicoanalyses; – de ontwikkeling van risicoscenario's waarin meerdere bedreigingen worden gecombineerd; – strenge ontwerpstandaarden voor nieuwe infrastructuur en effectieve curatieve maatregelen, zoals reservevoorraden en snelle |
Laag Hoog Impacttermijn Nu 1 jaar 5 jaar 64 |
interventieteams, voor bestaande assets.
Als transmissienetbeheerder is Elia Group verantwoordelijk voor het waarborgen van de bevoorradingszekerheid. Het ontsluiten van flexibiliteit is essentieel om de overgang naar hernieuwbare energiebronnen mogelijk te maken.
| Hoofdoorzaak | Wat doet Elia Group? | Residueel risico |
|---|---|---|
| 1. Adequacyrisico Elektrificatie, sluiting van enkele productie eenheden, groter aandeel HEB |
Als TNB is Elia Group verantwoordelijk voor het waarborgen van de bevoorradingszekerheid. Dit doen we door voldoende productiecapaciteit beschikbaar te hebben en de toereikendheid ('adequacy') te verzekeren: – ontwikkeling van flexibiliteit en tijdige realisatie van infrastructuur om de stijgende capaciteitsnoden te |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Winst en verlies – Talentmanagement & divers – Continuïteit van de bevoorrading personeelsbestand |
| 2. Evenwicht van het elektriciteitssysteem Groei van het aantal hernieuwbare energiebronnen en toegenomen volatiliteit van de energiestromen. |
beperken; – verbeterd en robuust ontwerp van het capaciteitsvergoedingsmechanisme (ETB); – voldoende productievolumes voor het leveringsjaar '25- '26 (en daarna) via het capaciteitsvergoedingsmechansme (ETB). |
Hoog Heel Kriticiteit mpact I |
| 3. Onthaalcapaciteit van het net Tekort aan transmissiecapaciteit. |
We zorgen er ook voor dat het energiesysteem in evenwicht blijft via: – de implementatie en automatisering van operationele processen, waardoor we altijd voldoende voorbereid zijn |
Heel Waarschijnlijk Heel Laag Heel heid Laag Hoog |
| om het evenwicht te handhaven in een steeds complexer systeem met veel (volatiele) hernieuwbare energiebronnen, prosumers en controleerbare instrumenten; – de Europese integratie van balanceringsmarkten om de liquiditeit te vergroten; |
Impacttermijn Nu 1 jaar 5 jaar |
|
| – een consumentgericht marktontwerp om de concurrentie te verhogen en de obstakels voor flexibele deelname weg te nemen; – de communicatie naar het grote publiek om het probleem van incompressibiliteit, namelijk het gebrek aan controle over gedecentraliseerde fotovoltaïsche productie-eenheden, toe te lichten. |
En we waarborgen de onthaalcapaciteit van het net door
– een intern voorbereidingsprogramma rond flexibiliteit voor de ganse bedrijf (netplanning op lange termijn,
middel van:
Een gebrek aan gekwalificeerd personeel kan leiden tot onvoldoende expertise en knowhow om de strategische doelstellingen van de Groep te verwezenlijken. Als de Groep er niet in slaagt om het personeel en de expertise aan te trekken die ze nodig heeft, zal, gezien de zeer gespecialiseerde en complexe aard van haar activiteiten, het risico dat ze er niet in slaagt om haar strategie uit te voeren, toenemen. Dit zal bijgevolg een impact hebben op de energietransitie.
| Wat doet Elia Group? | Residueel risico |
|---|---|
| Om voldoende gekwalificeerd personeel te hebben, focussen we ons op het aantrekken, onboarden en behouden van talent: – Door de sterke groei van het personeelsbestand heeft HR de bestaande Elia Academy uitgebreid met interne bewustmakingscampagnes, een ruimer opleidingsaanbod voor alle medewerkers, gerichte onboardingtrajecten, enz. – HR en de businessteams werken samen om het personeelsbestand uit te breiden, door snel mensen aan te nemen voor kritieke functies en meer senior profielen te werven voor specifieke posities. – Prestatie-KPI's om het succes van de onboarding en betrokkenheid op te volgen, met tussentijdse Pulse Checks voor betrokkenheid, tevredenheid en welzijn. – Een herzien referral-programma om potentiële nieuwe medewerkers aan te trekken. – We ondernemen extra stappen om de onboarding te verbeteren en de overdracht van kritieke kennis te versnellen. |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Winst en verlies – Talentmanagement |
| & divers – Continuïteit van de bevoorrading personeelsbestand Hoog Heel Kriticiteit |
|
| mpact I |
|
| Heel Waarschijnlijk Heel Laag Heel heid Laag Hoog |
|
| Impacttermijn Nu 1 jaar 5 jaar |
|
De Groep beheert installaties waarbij ongevallen, defecte assets of menselijke fouten lichamelijke letsels kunnen veroorzaken (bijv. elektrocutiegevaar). Ook psychosociale risico's, zoals burn-outs en conflicten, vormen een grote bedreiging voor het welzijn van onze medewerkers. Naast de menselijke en reputatieschade kan de Groep worden blootgesteld aan mogelijke aansprakelijkheden die een materiële negatieve impact kunnen hebben op haar financiële positie of resultaten, of die aanzienlijke financiële en beheersmatige middelen kunnen vereisen om de mogelijke impact te beheersen.
| Hoofdoorzaak | Wat doet Elia Group? | Residueel Risico |
|---|---|---|
| 1. Veiligheidsrisico Menselijke fouten, contractorsrisico, afstemming van veiligheidsgedrag en risicobereidheid. |
De Groep beperkt het veiligheidsrisico door: – een initiatief voor culturele verandering op vlak van veiligheid te lanceren binnen de hele Groep; – de bewustwordings- en opleidingscampagnes over veiligheid voor contractors voort te zetten; – te focussen op feedback en communicatie; – te zorgen dat interne en externe medewerkers de nodige opleidingen volgen en de vereiste certificeringen hebben; – de 'safety loop' te sluiten en last-minute risicoanalyses uit te voeren; – de Safety Culture Ladder / ISO 45001. En het welzijnsrisico door: – het welzijn en de betrokkenheid per departement/team te monitoren, zodat we snel kunnen ingrijpen bij negatieve ontwikkelingen; – een welzijnsverantwoordelijke of psycholoog beschikbaar te stellen om onze medewerkers te ondersteunen; – verschillende welzijnsinitiatieven te lanceren op het gebied van mentale, fysieke, emotionele en persoonlijke ontwikkeling. |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Veiligheid en – Veiligheid en |
| 2. Welzijn De samenleving heeft grote verwachtingen over de energietransitie. Deze verwachtingen leggen een aanzienlijke druk op onze teams. |
gezondheid gezondheid Hoog Kriticiteit Heel mpact I Heel Waarschijnlijk Heel Laag Heel heid |
|
| Laag Hoog Impacttermijn Nu 1 jaar 5 jaar |
Door de invoering van het Mechanisme voor koolstofgrenscorrectie ('Carbon Border Adjustment Mechanism' of CBAM) zou de EU veel minder elektriciteit uit Groot-Brittannië importeren. Dit komt doordat het CBAM waarschijnlijk uitgaat van emissie-aannames op basis van de historische energieproductie. Dit kan een negatieve impact hebben op de inkomsten en winstgevendheid van Nemo Link, de interconnector tussen België en het Verenigd Koninkrijk. In de toekomst kan het CBAM ook de prijzen van geïmporteerde goederen van buiten Europa verhogen.
| Hoofdoorzaak | Wat doet Elia Group? | Residueel risico |
|---|---|---|
| 1. Mechanisme voor koolstofgrenscorrectie ('Carbon Border Adjustment Mechanism' of CBAM) Het Europese Mechanisme voor koolstofgrenscorrectie is bedoeld om een eerlijke prijs vast te stellen voor de CO2- |
Belangenbehartiging met internationale partners: – samen met internationale partners een impactstudie van het Europese CBAM uitvoeren en belangen behartigen op zowel Europees als Brits politiek niveau, zodat alle stakeholders goed geïnformeerd zijn; – streven naar een politiek akkoord om de emissiehandelssystemen te koppelen; |
Risico-dimensies Materialiteits onderwerpen – Winst en verlies – Betaalbaarheid – Duurzaam energiesysteem en klimaatneutrale samenleving |
| uitstoot bij de productie van koolstofintensieve goederen die de EU binnenkomen, en zo een schonere industriële productie in niet Europese landen aan te moedigen. Door een taks te heffen op geïmporteerde goederen, zorgt het CBAM ervoor dat de CO2-prijs van geïmporteerde goederen gelijk is aan die van in het binnenland geproduceerde goederen. Het mechanisme is ingevoerd om de klimaatdoelstellingen van de EU te ondersteunen en ontworpen om te voldoen aan de normen van de Wereldhandelsorganisatie. |
– zorgen dat het impliciete koppelingsmodel tussen het Verenigd Koninkrijk en de EU voldoet aan de eisen voor marktintegratie en hierover politieke afspraken maken. |
Hoog Heel Kriticiteit mpact I Heel Waarschijnlijk Heel Laag Heel heid Laag Hoog |
| Impacttermijn |
Nu 1 jaar 5 jaar
14.3 Opportuniteiten overzicht
Politiek engagement om de CO2-doelstellingen op Europees en nationaal niveau te bereiken en maatregelen implementeren ter ondersteuning van een herontwerp van de infrastructuur van het elektriciteitssysteem.
Toename van de vraag naar elektriciteit door de elektrificatie van het bestaande gebruik (verwarming, mobiliteit, industrie, enz.) en nieuwe ontwikkelingen (datacenters, groene H2).
Lagere kosten voor elektrificatietechnologieën, zoals die voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen en batterijen.
Leider in de integratie van intermitterende hernieuwbare energiebronnen
Dankzij onze TNB-dochterondernemingen, die actief zijn in regio's met een groot potentieel voor intermitterende HEB, speelt Elia Group een centrale rol in de energietransitie in Europa. Tegelijkertijd hebben we groeikansen gecreëerd in Amerikaanse staten die de integratie van HEB ondersteunen. Daarom focussen we ons vooral op de uitvoering van het omvangrijke investeringsplan, in opdracht van de Belgische en Duitse overheden.
We passen onze werkwijzen ook aan (zoals het aansluitingsproces, de vroegtijdige identificatie van noden, enz.) om gelijke tred te houden met de elektrificatie, bovenop de reeds geplande ontwikkelingen.
Via onze dochteronderneming EGI zetten we onze expertise op het vlak van netbeheer in om waardevolle oplossingen te bieden aan bedrijven werkzaam in de elektriciteitssector en hen te ondersteunen bij het uitstippelen van hun eigen decarbonisatietraject.
Op korte termijn verwachten we dat onze netbeheersactiviteiten een sleutelrol zullen spelen in het aantrekken van nieuwe industriële investeringen in onze regio's. Zo helpen we onze bestaande en toekomstige netgebruikers om te profiteren van de kansen die schone technologieën bieden.

Politiek engagement om een gelijk speelveld in Europa te creëren via gedeelde marktmechanismen en infrastructuurprojecten van gemeenschappelijk belang.
Investeren in transmissie om verder gelegen HEB te verbinden met verbruikscentra, zowel op land als op zee.
Toename van de transmissienoden om de betrouwbaarheid te waarborgen bij een sterke toename van de vraag naar elektriciteit en de integratie van concurrerende HEB.
Pioniers op het gebied van interconnecties en de ontwikkeling van offshore en hybride netten
Dankzij onze TNB-dochterondernemingen die actief zijn in regio's die sterk met elkaar verbonden zijn, is Elia Group een belangrijke Europese speler voor efficiënte, multinationale projecten. Hierdoor nemen we het voortouw in allianties in de Noordzee en de Baltische Zee, stimuleren we innovatieve internationale projecten (zoals grensoverschrijdende hybride en radiale systemen, energie-eilanden, enz.) en zetten we ons in voor gezamenlijke projecten met landen buiten de EU. We pleiten voor geoptimaliseerde, gezamenlijke planning en ontwikkelen praktische oplossingen voor het delen van kosten en financiering.
Via onze dochteronderneming WindGrid en energyRe Giga in de VS kunnen we een betaalbare transitie naar schone energie faciliteren en transmissieoplossingen bieden die de ontwikkeling van de (digitale) industrie mogelijk maken. De energietransitie ondersteunen buiten onze gereguleerde thuismarkten (vooral via offshore ontwikkeling) kan zorgen voor nieuwe accretieve groeikansen voor de Groep.


Extreme weersomstandigheden komen steeds vaker voor en worden steeds ernstiger.
Door de digitalisering van het elektriciteitssysteem en de decentralisatie van de energiebronnen worden we kwetsbaarder. Dit onderstreept de noodzaak van bescherming op zowel bedrijfs- als sectoniveau, in plaats van zich enkel te richten op de meest kritieke assets.
Nationale autoriteiten hebben meer aandacht voor de toenemende hybride dreigingen (waaronder fysieke en cyberaanvallen).
Een aanbodgestuurde markt, met een sterk stijgende vraag en beperkte capaciteit.
Betrouwbare beheerder van een kritieke entiteit nationale soevereiniteit ondersteunt
Dankzij onze TNB-dochterondernemingen die de meest kritieke economische entiteiten in België en Duitsland beheren, zij wij een betrouwbare partner voor nationale autoriteiten die te maken hebben met hybride bedreigingen.
Daarom ontwikkelen en versterken we ons
vermogen om te reageren op
klimaatgebeurtenissen en/of kwaadwillige
aanvallen. We adviseren nationale autoriteiten
proactief over hoe ze hun beveiligingsarchitecturen kunnen herzien in een gespannen geopolitieke
context.
Vanuit het perspectief van de toeleveringsketen spelen we ook een belangrijke rol in het verminderen van de risico's bij
netinvesteringsplannen in België en Duitsland en de projecten in de VS. We verstevigen onze commerciële banden met belangrijke leveranciers van schaarse transmissieapparatuur en gaan nieuwe strategische partnerschappen aan om onze leveranciersbasis uit te breiden.
In de toekomst verwachten we dat Europa zijn beleid versterkt om belangrijke industrieën terug te halen en de risico's in toeleveringsketens die cruciaal zijn voor de energietransitie te verminderen. Dit kan leiden tot een uitbreiding van de gereguleerde netbeheersactiviteiten en/of van de verantwoordelijkheden als trustees. Daarnaast verwachten we dat onze nationale autoriteiten steeds meer nadruk zullen leggen digitale soevereiniteit (zie opportuniteit 'Digitale transformatie' hierna).

Trend om de klimaatfinanciering te versnellen door middel van groene financiering en gestandaardiseerde vereisten voor duurzaamheidsrapportering.
Meer diverse financieringsbronnen om klimaatactie mogelijk te maken, gesteund door internationale financiële instellingen en multilaterale ontwikkelingsbanken.
Initiatieven om de klimaatverandering tegen te gaan, de opkomst van schone technologieën en ESGvereisten worden steeds interessanter voor investeerders op financiële markten. Toekomstige klimaatverplichtingen kunnen deze trend verder versnellen.
Een beursgenoteerde groep TNB's die aan de ESG-normen voldoet en belangrijk is voor Europa
Als we de klimaatverandering succesvol in ons bedrijfsmodel kunnen verankeren, krijgen we toegang tot financieringen op basis van ESGcriteria. Daardoor kunnen wij gemakkelijker onze infrastructuurportefeuille financieren.
Dankzij ActNow, ons duurzaamheidsprogramma waarin we de ESG-principes integreren, verkleinen we onze koolstofvoetafdruk en vergroten we onze transparantie via diverse rapporteringsinitiatieven. We maken gebruik van alternatieve
financieringsbronnen, waaronder een groene kredietlijn van €650 miljoen van de Europese Investeringsbank voor het Belgische energieeiland.
Met deze proactieve aanpak trekken we groene financieringsmogelijkheden aan, verlagen we de kosten van kapitaalinvesteringen en winnen we het vertrouwen van investeerders voor onze langetermijnstrategie. We kunnen hiermee ook investeerders aantrekken die hun balans willen decarboniseren.
Het investeringsvermogen dat we nu opbouwen (zoals diversificatie van de toeleveringsketen en exportkredietfinanciering) om de investeringsrisico's af te dekken, zal nog belangrijker worden in het licht van de
internationale bestrijding van de
klimaatverandering die wordt ondersteund door
Europese en nationale ontwikkelingsbanken.

Door de energietransitie wordt het systeembeheer complexer, en zijn er meer middelen nodig om de adequacy, betrouwbaarheid en efficiëntie ervan te waarborgen.
Door de groei van gedecentraliseerde energiebronnen (inclusief elektrische wagens en stationaire opslag) kunnen gedecentraliseerde netgebruikers actiever deelnemen aan het beheer van het energiesysteem.
Distributienetbeheerders in Europa gebruiken digitale technologieën. Ze zetten slimme meters in en beheren netcongesties actiever dankzij verbeterde observatie en controle.
Onderling verbonden fysieke uitdagingen moeten worden aangepakt om de transitie te realiseren.
Elia Group wil dat alle consumenten hun flexibiliteit benutten om de energietransitie kostenefficiënter en betrouwbaarder te maken.
We promoten actief een meer consumentgericht marktontwerp in Europa. We ondersteunen ook een innovatief ecosysteem via verschillende initiatieven en partners. We organiseerden een speciale hackathon rond het ontsluiten van flexibiliteit via real-time prijzen.
Naast de belangenbehartiging passen we onze processen aan en werken we samen met verschillende partners om nieuwe mogelijkheden en use cases te ontwikkelen om flexibiliteit in het energiesysteem te ontsluiten.
Dankzij onze ervaring met consumer centricity in het kader van onze gereguleerde activiteiten, verkennen we nieuwe digitale diensten om deze activiteiten aan te vullen (bijvoorbeeld
meteringdiensten, API- en connectiviteitsplatforms en een ontwikkelaarsportaal).

Bedrijven stappen over van een traditionele manier van on-site opslag en beheer naar een gedecentraliseerde structuur met verschillende infrastructuurpunten. Deze variëren van externe datacenters tot on-site servers aan de rand van het bedrijf. Hierbij worden clouddiensten voornamelijk geleverd door een paar grote, niet-Europese spelers.
Door de toenemende integratie van intermitterende hernieuwbare energiebronnen, zal het beheer van het elektriciteitssysteem complexer worden. Er is meer flexibiliteit nodig van een groter aantal actoren en marktrollen om het systeem te beheren.
Nu de kosten van sensoren en actuatoren dalen, maken oude systemen, gebaseerd op operationele technologie met een laag integratieniveau, plaats voor volledig digitale oplossingen. Hierdoor gaan informatietechnologie en operationele technologie steeds meer convergeren.
We verankeren digitalisering in onze strategie en implementeren een nieuw organisatiemodel om in te spelen op de uitdagingen en kansen van digitale technologieën.
Via een aantal lighthouse-projecten willen we de schaalbaarheid en flexibiliteit van cloudtechnologie benutten, met behoud van hoge privacy- en beveiligingsstandaarden:
Diensten voor platform- en datatechnologie om cloud-native applicaties te ontwikkelen en te beheren, waarbij we volledige controle behouden over onze meest kritieke applicaties.
MCCS: een geavanceerd energiebeheersysteem, dat dankzij zijn modulair ontwerp herbruikbaar en eenvoudig te onderhouden is.
APMO: een uitgebreide applicatie om onze assetbasis te beheren. Met deze applicatie kunnen we de werkelijke staat van onze assets in kaart brengen en ons vervangingsbeleid verbeteren. We verwachten dat deze digitale capaciteiten in de toekomst nieuwe zakelijke kansen en extra inkomsten zullen opleveren.
Nu digitale soevereiniteit in Europa wordt versterkt, zien wij mogelijkheden om ons digitaal platform te delen met andere beheerders van kritieke infrastructuur.


Jaarverslag Elia Group NV
maken voor het toekomstige bedrijfsmodel van Elia
Group..
Het intern controlesysteem van Elia Group ondersteunt de borging van risicoprocessen van de onderneming en berust op duidelijk omschreven rollen en verantwoordelijkheden op alle niveaus van de organisatie. Overeenkomstig de statuten van Elia Group richtte de raad van bestuur een college van dagelijks bestuur en uiteenlopende comités op om te helpen bij de uitoefening van zijn verantwoordelijkheden: het auditcomité, het strategisch comité, het vergoedingscomité en het benoemingscomité. Het auditcomité is, overeenkomstig artikel 7:99 van het Belgische Wetboek van vennootschappen en verenigingen en de statuten, in het bijzonder belast met punten (ii), (iii), (iv), (v). Het auditcomité werd door de raad belast met volgende hoofdtaken:
Het auditcomité komt in principe om de drie maanden bijeen.
Elia Group heeft interne controlemechanismen ingevoerd op verschillende organisatieniveaus om de naleving te waarborgen van normen en interne procedures die erop gericht zijn om de geïdentificeerde risico's op de juiste manier te beheren. Enkele voorbeelden:
— een duidelijke taakverdeling om te vermijden dat één enkele persoon een transactie initieert, goedkeurt en registreert; met het oog daarop werden beleidslijnen voor de toegang tot de informatiesystemen opgesteld en bevoegdheden gedelegeerd;
De integriteit en ethiek van Elia Group maken wezenlijk deel uit van haar interne controleomgeving. De raad van bestuur en het college van dagelijks bestuur communiceren en herzien deze principes geregeld om de wederzijdse rechten en plichten van de onderneming en haar medewerkers te verduidelijken. Deze
voorschriften worden aan alle nieuwe medewerkers meegedeeld en de naleving ervan is formeel opgenomen in de arbeidsovereenkomsten.
De Ethische Code van Elia Group (de 'Ethische Code') definieert wat Elia Group als correct ethisch ondernemen beschouwt, en bepaalt het beleid en een aantal principes om belangenconflicten te vermijden. Integer en onafhankelijk handelen met alle stakeholders is een essentieel uitgangspunt voor het handelen van onze medewerkers. De Ethische Code van Elia Group stelt uitdrukkelijk dat omkoping in welke vorm dan ook, alsook misbruik van voorkennis en marktmanipulatie, verboden zijn. Dit wordt ook ondersteund door de Gedragscode van Elia Group (de 'Gedragscode') die bovendien als doel heeft om te voorkomen dat medewerkers inbreuken plegen op de Belgische wetgeving omtrent voorkennis of marktmanipulatie.
Het senior management ziet er continu op toe dat de medewerkers de interne waarden en procedures naleven en neemt, indien nodig, de vereiste maatregelen, zoals beschreven in het bedrijfsreglement en in de arbeidsovereenkomsten. Elia Group en haar medewerkers maken geen gebruik van geschenken of entertainment om concurrentievoordeel te behalen. Facilitaire betalingen zijn niet toegestaan door Elia Group. Het verhullen van geschenken of entertainment als liefdadigheidsgiften is evenzeer een schending van de Ethische Code. De Ethische Code verbiedt elke vorm van racisme en discriminatie, promoot gelijke kansen voor alle medewerkers en verzekert de bescherming en het vertrouwelijk gebruik van IT-systemen.
Iedereen die specifiek bij het aankoopproces betrokken is, moet zich houden aan de 'Gedragscode voor leveranciers' van de Groep betreffende aankopen en alle regels die daaruit voortvloeien. De Gedragscode voor leveranciers bevat internationaal goedgekeurde principes inzake ethisch gedrag, de bescherming van de mensenrechten, gezondheid en veiligheidspraktijken alsook milieu- en maatschappelijke beschouwingen. Om dit geheel van principes toe te passen om onze toeleveringsketen positief te beïnvloeden, werd een risicoaanpak ingevoerd. Voor alle aankoopcategorieën beoordelen we de risico's op basis van de traditionele risico's en duurzaamheidsrisico's van de toeleveringsketen.
Elia Group biedt haar medewerkers de mogelijkheid om hun bezorgdheid over mogelijke inbreuken op de Ethische Code te uiten zonder vrees voor negatieve gevolgen of oneerlijke behandeling. Bezorgdheden kunnen ook worden gemeld aan de lokale managementteams, HR en de Compliance Officer. Naast de interne duurzaamheidsverslaggevingskanalen bestaan er externe meldingssystemen voor interne medewerkers en externe stakeholders om anoniem via een daartoe bestemd platform ('Ethics Alert') hun vermoeden te melden van mogelijke inbreuken op de Ethische Code die de reputatie en/of de belangen van de Groep zouden kunnen schaden. Alle gemelde problemen worden objectief en in vertrouwen behandeld, in overeenstemming met de klokkenluidersregeling die werd uitgewerkt volgens de EU-richtlijn 2019/1937 en de omzetting ervan in nationaal recht.
Het interne auditteam integreert in zijn jaarprogramma een aantal acties en controleaudits om specifieke preventie tegen fraude te ontwikkelen. Eventuele vaststellingen worden gerapporteerd aan het auditcomité. In 2024 werd in de audits in het kader van het jaarlijkse auditplan geen melding gemaakt van belangrijke bevindingen met betrekking tot financiële fraude.
Het departement Accounting & Finance staat onder toezicht van de Chief Financial Officer (CFO) en is belast met de statutaire financiële en fiscale duurzaamheidsverslaggeving en de consolidatie van de dochtervennootschappen van Elia Group. Het departement Finance ondersteunt het college van dagelijks bestuur door tijdig de correcte en betrouwbare financiële informatie ter beschikking te stellen die nodig is voor de besluitvorming (wat betreft de opvolging van de rentabiliteit van de activiteiten) en het efficiënt beheer van de financiële diensten van de onderneming. De externe financiële duurzaamheidsverslaggeving waaraan Elia Group is onderworpen omvat (i) de statutaire financiële en fiscale duurzaamheidsverslaggeving, (ii) de geconsolideerde financiële duurzaamheidsverslaggeving, en (iii) de specifieke duurzaamheidsverslaggevingsverplichtingen van een beursgenoteerd bedrijf. Het departement Controlling houdt toezicht op de performantie van de Groep en haar dochterondernemingen. Het departement Investor Relations is verantwoordelijk voor de specifieke duurzaamheidsverslaggeving die van toepassing is op beursgenoteerde ondernemingen. Wat het proces van financiële duurzaamheidsverslaggeving betreft, zijn de taken en verantwoordelijkheden van iedere medewerker van het departement Accounting & Finance duidelijk omlijnd, om te waarborgen dat de financiële resultaten de financiële transacties van Elia Group exact en eerlijk weergeven. De belangrijkste controles en het tijdschema voor de realisatie van deze taken en controles werden geïdentificeerd en opgenomen in een gedetailleerd kader van taken en verantwoordelijkheden. Alle entiteiten van de consolidatiekring hebben een IFRSboekhoudhandleiding geïmplementeerd. Die geldt als referentie voor de boekhoudkundige principes en procedures, om zo coherentie en vergelijkbaarheid te verzekeren, alsook een correcte boekhouding en duurzaamheidsverslaggeving binnen de Groep. Het departement Accounting & Finance beschikt over de nodige instrumenten, zoals IT-tools, voor de uitvoering van zijn taken. Alle entiteiten van de consolidatiekring gebruiken dezelfde Enterprise Resource Planning-software, die diverse geïntegreerde controles bevat en een gepaste taakverdeling ondersteunt. De rollen en verantwoordelijkheden van alle medewerkers worden duidelijk gedefinieerd overeenkomstig de methodologie van Business Process Excellence.
Elia Group heeft een gestructureerde aanpak ontwikkeld, die bijdraagt tot de volledigheid en exactheid van de financiële informatie en rekening houdt met de termijnen voor de controle van de activiteiten en de interventie van de voornaamste betrokkenen, om zo adequate processen voor de controles en rekeningen te waarborgen.
De voornaamste stappen in de beoordeling van de financiële risico's zijn:
Voor elk belangrijk risico rond financiële verslaggeving past Elia Group adequate controlemechanismen toe om de kans op fouten tot een minimum te beperken. Er zijn duidelijk omlijnde rollen en verantwoordelijkheden voorhanden voor de afsluitingsprocedure voor de financiële resultaten. Er zijn maatregelen die ervoor zorgen dat iedere stap juist wordt opgevolgd en dat er een gedetailleerde agenda van alle activiteiten van de dochtervennootschappen van de Groep wordt gepubliceerd. Er worden ook controleactiviteiten uitgevoerd om de kwaliteit en de conformiteit met de interne en externe vereisten en aanbevelingen te waarborgen. Tijdens de financiële afsluitingsperiode wordt een specifieke test uitgevoerd om ervoor te zorgen dat alle ongebruikelijke en belangrijke transacties, boekhoudkundige controles en aanpassingen en bedrijfstransacties en kritieke ramingen onder controle zijn. De combinatie van al deze elementen biedt voldoende zekerheid dat de financiële resultaten betrouwbaar zijn. Regelmatige interne en externe audits dragen ook bij aan de kwaliteit van onze financiële verslaggeving. Bij het identificeren van de risico's die de realisatie van de doelstellingen van de financiële verslaggeving kunnen beïnvloeden, houdt het college van dagelijks bestuur rekening met de mogelijkheid van foute verklaringen als gevolg van fraude en neemt het de nodige maatregelen indien de interne controle moet worden versterkt. Het interne auditteam voert specifieke audits uit, op basis van de evaluatie van de mogelijke frauderisico's, om fraude te vermijden en te voorkomen.
De medewerkers die instaan voor de financiële verslaggeving komen geregeld samen met de andere interne departementen (operationele en controledepartementen) om de informatie betreffende de financiële verslaggeving te identificeren. Zij valideren en documenteren de voornaamste assumpties die aan de basis liggen van de registratie van de reserves en de rekeningen van de vennootschap. Op groepsniveau worden de geconsolideerde resultaten opgesplitst in segmenten en goedgekeurd aan de hand van een vergelijking met historische cijfers en via een comparatieve analyse van voorspellingen en actuele data. Die financiële informatie wordt maandelijks naar het college van
dagelijks bestuur gestuurd en elk kwartaal met het auditcomité besproken. De voorzitter van het auditcomité informeert vervolgens de raad van bestuur.
Controleactiviteiten in het proces van de financiële verslaggeving zijn:
De feedback van derden wordt eveneens in rekening genomen op basis van diverse bronnen, zoals:
Door de gegevens afkomstig van externe bronnen met de intern gegenereerde gegevens te vergelijken en aan de hand van de daaruit voortvloeiende analyses kan Elia Group zich continu verbeteren.
Naast de activiteiten uitgevoerd door het interne auditteam dat de efficiëntie van het interne controleen risicobeheerssysteem van het financiële verslaggevingsproces verzekert, zijn de wettelijke entiteiten van Elia Group onderworpen aan externe audits. Deze houden over het algemeen een beoordeling in van de interne controleprocessen en toelichtingen bij de (jaarlijkse en trimestriële) statutaire en geconsolideerde financiële resultaten. De externe auditors doen aanbevelingen om de interne controlesystemen te verbeteren. Deze aanbevelingen, de actieplannen en hun implementatie zijn het voorwerp van een jaarlijkse rapportering aan het auditcomité, wat betreft de dochterondernemingen die beschikken over een dergelijk orgaan. Het auditcomité rapporteert aan de raad van bestuur over de onafhankelijkheid van de statutaire auditor of het auditkantoor en bereidt een ontwerp van resolutie voor de aanduiding van de externe auditors voor.
14.4.4.6. Interne controle- en risicobeheerssysteem betreffende het niet-financiele rapporteringsproces
Elia Group heeft een intern controle- en risicobeheerssysteem uitgewerkt voor het proces van de duurzaamheidsverslaggeving. Het risicobeheer en de interne controles van het duurzaamheidsverslag zijn een kritiek element voor een verslag conform de CSRD-richtlijn.)
Om de CSRD-verslaggeving voor te bereiden werd het team dat instaat voor de duurzaamheidsverslaggeving volgens de Europese richtlijnen voor duurzaamheidsverslaggeving (ESRS) versterkt. Ze definiëren wat er nodig is voor de verslaggeving en staan in voor het proces voor het verzamelen, controleren van de input, het consolideren, verifiëren en compileren van de duurzaamheidsinformatie.
Voor de belangrijke en materiële ESRS-meetwaarden hebben we samen met de business een gestandaardiseerd documentatiepakket aangelegd dat we hebben gebundeld in de handleidingen voor niet-financiële rapportering ('Non-financial Accounting Manuals'), waarin we de gegevensbronnen, berekeningsmethodes, assumpties, rollen en verantwoordelijkheden en interne controles beschrijven. Twee jaarlijkse cycli met beperkte externe vrijwillige borgingsprocessen voor een aantal belangrijke gegevens (zie het geïntegreerd jaarverslag 2023 van Elia Group, p. 269) werden opgestart om de organisatie voor te bereiden voor de CSRD en het maturiteitsniveau van de verslaggeving te verbeteren.
Er wordt voortdurend samengewerkt en overlegd met belangrijke bedrijfsfuncties: Sustainability, Internal Audit & Risk Management, Strategy, Controlling. Toch blijft de rol van Business Owners als centrale stakeholders essentieel vanwege de transversale aard van duurzaamheidskwesties, waarbij zij gedeelde verantwoordelijkheid en controletaken hebben.
De kwantitatieve gegevens zijn voornamelijk afkomstig van verschillende interne IT-systemen. Voor sommige gegevensbronnen is de interne controle van de kwaliteit van de gegevens ingebouwd, maar voor het merendeel van de gegevens is een manuele verificatie nodig om onjuistheden te detecteren en de juistheid ervan te waarborgen. De bevestiging van alle kwalitatieve gegevens wordt uitgevoerd door de interne stakeholders, die verantwoordelijk zijn voor elke duurzaamheidskwestie. Voor alle belangrijke risico's op het gebied van duurzaamheidsrapportage hanteert Elia groep passende controlemechanismen om de kans op fouten tot een minimum te beperken. Voorbeelden hiervan zijn redelijkheidstoetsen, variantieanalyse, afstemming tussen gegevensbronnen, vier-ogenbeoordeling, enzovoort.
De invoering van dit verslaggevingsproces werd gedefinieerd in nauwe samenwerking met de bestuursorganen inzake duurzaamheid beschreven in het deel ESRS 2 GOV 1 - De rol van de administratieve, beheers- en toezichtsorganen. De bevindingen die voortvloeien uit het voorbereidingsproces en de status van de ESRS werd elk trimester aan het Group Sustainability Office gerapporteerd.
In de toekomst voeren we geleidelijk een kader in voor interne controle inzake duurzaamheidsverslaggeving (COSO ICSR) voor onze interne en externe duurzaamheidsverslaggeving.
We hebben de duurzaamheidsrisicobeoordeling opgenomen in het kader voor het bedrijfsrisicobeheer. Dit omvat ook de identificatie en het beheer van de duurzaamheidsverslaggevingsrisico's.
Bij de risicobeoordelingen van de duurzaamheidsverslaggeving gaat het in de eerste plaats om het identificeren van:
Voor elk belangrijk risico inzake duurzaamheidsverslaggeving past Elia Group adequate controlemechanismen toe om de kans op fouten tot een minimum te beperken. Er zijn duidelijk omlijnde rollen en verantwoordelijkheden voorhanden voor de afsluitingsprocedure voor de duurzaamheidsverslaggeving.
De Elektriciteitswet vormt de algemene basis en bevat de belangrijkste principes die van toepassing zijn op de activiteiten van Elia (Elia Transmission Belgium/Elia Asset) als beheerder van het transmissienet voor elektriciteit in België.
Deze wet werd grondig gewijzigd op 8 januari 2012 door de omzetting op federaal niveau van het derde pakket van Europese richtlijnen. De nieuwe Elektriciteitswet die eruit voortvloeit:
Verscheidene koninklijke besluiten verschaffen meer details over het regelgevende kader dat van toepassing is op de transmissienetbeheerder, en in het bijzonder het koninklijk besluit inzake het federaal technisch reglement. De beslissingen van de CREG (Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas) vullen deze bepalingen aan, wat resulteert in het regelgevend kader waarbinnen Elia zijn activiteiten uitoefent op federaal niveau.
De drie Belgische gewesten zijn op hun respectieve grondgebieden verantwoordelijk voor de distributie en de lokale transmissie van elektriciteit op netten met een spanning gelijk aan of lager dan 70 kV. De gewestelijke regulatoren zijn bevoegd voor het niet-tarifaire luik van de reglementering voor het lokale transmissienet; de bepaling en de controle van de tarieven vallen onder de bevoegdheid van de federale overheid.
Het Vlaams Gewest, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Waals Gewest hebben ook de bepalingen van het derde Europese pakket die hen aanbelangen in hun normatief kader omgezet. De gewestdecreten werden aangevuld met verscheidene andere voorschriften over openbare dienstverplichtingen, hernieuwbare energie en toelatingsprocedures voor leveranciers.
Zoals vereist door de EU-wetgeving wordt de Belgische elektriciteitsmarkt door onafhankelijke regulatoren bewaakt en gecontroleerd.
De CREG is de federale regelgevende instantie en zijn bevoegdheden ten aanzien van Elia zijn onder andere:
• het afleveren van een certificaat om zeker te zijn dat de netbeheerder wel degelijk de eigenaar is van de infrastructuur die hij beheert en voldoet aan de voorschriften inzake onafhankelijkheid ten opzichte van producenten en leveranciers.
De exploitatie van elektriciteitsnetten met een spanning gelijk aan of lager dan 70 kV valt onder de bevoegdheid van de respectieve gewestelijke regulatoren. Elk van hen kan van om het even welke beheerder (met inbegrip van Elia wanneer deze dergelijke spanningsnetten exploiteert) eisen om alle specifieke bepalingen van de gewestelijke voorschriften inzake elektriciteit na te leven, op straffe van administratieve boetes of andere sancties. De gewestelijke regulatoren hebben echter geen bevoegdheid over de bepaling van de elektriciteitstransmissietarieven. De tariefbepaling voor de elektriciteitsnetten die een transmissiefunctie hebben is uitsluitend een bevoegdheid van de CREG.
Het begin van het jaar 2024 is een nieuwe tariefmethodologie van kracht geworden. Deze methodologie geldt opnieuw voor een periode van vier jaar (2024-2027).
Het grootste deel van de inkomsten en winsten van ETB is afkomstig van de gereguleerde tarieven die het aanrekent voor het gebruik van het elektriciteitstransmissienet.
Transmissietarieven worden vastgelegd overeenkomstig een specifiek regelgevend kader en goedgekeurd door de CREG op basis van een methodologie die dan weer steunt op tariefrichtsnoeren in de Elektriciteitswet. Deze tariefrichtsnoeren werden meermaals gewijzigd, o.a. om het vraagbeheer en de opslag te incentiveren en om de competitiviteit van de elektro-intensieve industrie te verhogen, evenals de efficiëntie van de markt en van het energiesysteem (met inbegrip van de energie-efficiëntie). Na hun goedkeuring worden de tarieven gepubliceerd en kan er niet worden over onderhandeld tussen individuele netgebruikers en ETB. Indien de geldende tarieven evenwel niet langer proportioneel zijn als gevolg van gewijzigde omstandigheden, kan de CREG eisen dat ETB een bijgewerkt tariefvoorstel ter goedkeuring aan de CREG voorlegt (of ETB kan dat op eigen initiatief doen).
De werkelijke volumes vervoerde elektriciteit kunnen verschillen van de voorspelde volumes. Afwijkingen tussen de werkelijke volumes vervoerde elektriciteit en de gebudgetteerde volumes en tussen reële kosten/opbrengsten en gebudgetteerde kosten/opbrengsten kunnen resulteren in een zogenaamde 'gereguleerde schuld' of 'gereguleerde opbrengst', die wordt geboekt op een overlopende rekening. Dit mechanisme is van toepassing op alle bovengenoemde sleutelparameters voor de tariefbepaling (d.w.z. billijke vergoeding, beheersbare elementen, niet-beheersbare elementen, beïnvloedbare kosten en andere incentivecomponenten). Bij de tariefbepaling voor de volgende periode wordt er rekening gehouden met de financiële verrekening van dergelijke afwijkingen.
Ongeacht de afwijkingen tussen de voorspelde parameters en de reële kosten en opbrengsten, neemt de CREG de eindbeslissing of de reële kosten en opbrengsten als redelijk worden beschouwd om te worden opgenomen in de tariefberekening. Deze beslissing kan resulteren in de aanvaarding of verwerping van dergelijke kosten of opbrengsten. In de mate dat bepaalde elementen worden verworpen, zullen de overeenkomstige bedragen niet in aanmerking worden genomen voor de tariefbepaling van de volgende periode.
In dit deel wordt de tariefmethodologie beschreven die van toepassing is van 2024 tot 2027. Zoals voorzien door de Elektriciteitswet hebben de CREG en ETB in december 2021 een akkoord bereikt over het formele proces voor de organisatie en over de stappen die moeten worden genomen (i) om de
tariefmethodologie voor de periode 2024-2027 te bepalen en (ii) om de effectieve tarieven vast te stellen die gelden voor de tariefperiode 2024-2027.
Het specifieke proces voor de bepaling van de tariefmethodologie voor de periode 2024-2027 was op 30 juni 2022 voltooid. Op die datum publiceerde de CREG haar definitieve tariefmethodologie voor de periode 2024-2027. Eind november 2023 lanceerde de CREG een openbare raadpleging tot 22 december 2023 over een voorgestelde beslissing om de tariefmethodologie aan te passen teneinde (i) de vergoeding te herwaarderen met betrekking tot de berekening van de billijke marge en (ii) een regelgevend kader in te voeren voor de uitbreiding van het Modulair Offshore Grid ('MOG II').
De tariefmethodologie voor de periode 2024-2027 is zeer vergelijkbaar met de vorige methodologie (2020-2023), maar de parameters voor de berekening van de billijke marge en van het stimuleringskader werden herzien met een belangrijke wijziging: de risicovrije rentevoet (OLO) die werd gebruikt voor de berekening van de billijke marge is niet langer vast zoals in de periode 2020-2023 - en zoals oorspronkelijk gepland in de beslissing van juni 2022 - maar is variabel geworden.
De methodologie is 'service driven' (kosten +), en wordt grotendeels bepaald door een mechanisme van 'billijke vergoeding' in combinatie met bepaalde 'incentivecomponenten'. De tarieven worden vastgesteld op basis van gebudgetteerde kosten, verminderd met een aantal niet-tarifaire opbrengsten, en op basis van de geraamde volumes van in het net geïnjecteerde elektriciteit. De verschillende drivers voor de tariefbepaling worden vastgelegd op basis van de volgende sleutelparameters: (i) billijke vergoeding; (ii) 'niet-beheersbare elementen' (kosten en opbrengsten niet onderworpen aan een incentivemechanisme); (iii) 'beheersbare elementen' (kosten en opbrengsten onderworpen aan een incentivemechanisme); (iv) 'beïnvloedbare kosten' (kosten en opbrengsten onderworpen aan een incentivemechanisme onder specifieke voorwaarden); (v) 'incentivecomponenten'; en (vi) de verrekening van afwijkingen van gebudgetteerde verkoopvolumes.
De billijke vergoeding is het rendement op het kapitaal dat in het net werd geïnvesteerd en steunt op het Capital Asset Pricing Model ('CAPM'). Ze is gebaseerd op de gemiddelde jaarlijkse waarde van het gereguleerd actief (Regulated Asset Base - RAB), dat jaarlijks wordt berekend, rekening houdend met nieuwe investeringen, desinvesteringen, afschrijvingen en veranderingen in het werkkapitaal.
Voor de periode 2024-2027 is de formule voor de berekening van de billijke vergoeding voor elk jaar (n) als volgt:
plus als de financiële structuur van de TNB groter is dan 40%, wordt de variabele S van de formule in de vorige alinea vastgesteld op 40%, en wordt het resultaat van de volgende formule toegevoegd:
waarbij:
– risicopremie = 3,5%
De formule die de risicovrije rentevoet, de bètafactor (β) en de risicopremie omvat, geldt voor de eigenvermogenscomponent die overeenstemt met 40% van de RAB van het betreffende jaar. Eigen vermogen boven de drempel van 40% wordt vergoed tegen de risicovrije rentevoet plus 0,70%.
Er dient te worden opgemerkt dat in de definitieve tariefmethodologie voor de periode 2024-2027, gepubliceerd op 29 februari 2024, een bijkomend vergoedingsmechanisme is opgenomen dat gekoppeld is aan de evolutie van de rentevoet van Belgische lineaire obligaties op tien jaar, zoals hieronder verder wordt beschreven onder 'Kenmerken van het voorgestelde bijkomende vergoedingsmechanisme'.
Een aantal kosten wordt als niet-beheersbaar beschouwd door de tariefmethodologie. Deze bestaan uit elementen als de afschrijving van onroerende goederen, ondersteunende diensten (uitgezonderd de reserveringskosten van ondersteunende diensten exclusief black start, waarnaar wordt verwezen als 'beïnvloedbare kosten'), kosten met betrekking tot door een overheid opgelegde verplaatsing van lijnen en belastingen, gedeeltelijk gecompenseerd door opbrengsten uit niet-tarifaire activiteiten (bv. opbrengsten als gevolg van grensoverschrijdende congestie). De kosten voor onderzoek van de zeebodem en de reparatie van offshore installaties worden ook als niet-beheersbaar beschouwd. Tot slot zijn de kosten in verband met de Europese integratie (bv. Coreso en JAO) ook niet-beheersbaar.
ETB wordt geacht een zeer beperkte of geen impact te hebben op deze elementen. Bijgevolg kunnen ze worden gedekt door de transmissietarieven, ongeacht het bedrag, zolang ze als 'redelijk' worden beschouwd. Onder de vorige tariefperiode werden bepaalde uitzonderlijke kosten die specifiek zijn voor offshore activa (bijvoorbeeld de Modular Offshore Grid) toegevoegd aan de lijst van niet-beheersbare kosten (zie hiervoor). Dit werd behouden onder de nieuwe methodologie (bijvoorbeeld relevant voor MOG II). Niet-beheersbare kosten omvatten ook financiële kosten in verband met de schuldenlast waarvoor het zogenaamde 'embedded debt'-principe van toepassing is. Bijgevolg zijn alle werkelijke en redelijke financieringskosten in verband met schulden uitgegeven door ETB inbegrepen in de tarieven.
Beheersbare elementen zijn kosten waarover Elia Transmission België de controle heeft volgens de tariefmethodologie. De CREG bepaalt vooraf een jaarlijkse vergoeding voor de periode 2024-2027, rekening houdend met de inflatie. De Vennootschap wordt gestimuleerd om deze kosten te verlagen ten opzichte van de vooraf bepaalde vergoeding. Dit betekent dat ze onderworpen zijn aan een verdeling van de productiviteits- en efficiëntiewinsten die zich tijdens de tariefperiode kunnen voordoen. Die verdeling gebeurt nog steeds met een factor van 50%. Daarom wordt ETB aangemoedigd om zijn kosten en opbrengsten voor die beheersbare elementen onder controle te houden.
De mogelijke vermindering van dit vooraf vastgelegde bedrag leidt tot een bijkomende winst die gelijk is aan 50% van de vermindering. De resterende 50% resulteert in een verlaging van de toekomstige tarieven. Omgekeerd zijn kostenoverschrijdingen voor 50% niet-terugvorderbaar (en komen ze bijgevolg voor rekening van de aandeelhouders van ETB). Voor de overige 50% worden ze gedekt door de (toekomstige) tarieven.
De kosten voor reservering van ondersteunende diensten, met uitzondering van 'black-start' en spanningsregeling, en de energiekosten ter compensatie van netverliezen worden als beïnvloedbare kosten beschouwd. Dat betekent dat budgetoverschrijdingen of efficiëntiewinsten een negatieve of positieve incentive vormen, voor zover ze niet worden veroorzaakt door een bepaalde lijst van externe factoren. 20% van het verschil tussen een vastgestelde referentie voor de periode en het jaar Y
(gecorrigeerd voor externe factoren) vormt een winst (vóór belasting) voor ETB. De vastgestelde referentie omvat een 'natuurlijke' verbeteringsfactor van 10% op jaarbasis, waardoor de besparing jaar na jaar moeilijker te bereiken is. Voor elk van de twee categorieën van beïnvloedbare kosten (energiereserves en netverliezen) kan het totale jaarlijkse bedrag van de incentive vóór belastingen niet negatief zijn of meer dan €5 miljoen per jaar bedragen.
De methodologie handhaaft de incentives zoals bepaald voor de tariefperiode 2020-2023 (zie hieronder), maar past voor sommige ervan de technische parameters aan, en voegt twee nieuwe incentives toe aan de huidige lijst (één met betrekking tot de maximalisatie van de intraday transmissiecapaciteit en een andere met betrekking tot de verbetering van de energie-efficiëntie van de hoogspanningsstations van Elia Transmission België).
Indien de prestaties van ETB niet in de lijn zouden liggen van de incentives zoals bepaald door de regulator, dan zal het bedrag van deze incentives dat aan ETB kan worden toegerekend, worden verminderd. De impact wordt weerspiegeld in de over te dragen opbrengsten die toekomstige tariefverlagingen zullen genereren – zie onderstaande beschrijving van het afrekeningsmechanisme (alle bedragen zijn vóór belastingen).
Op basis van prestatiehypotheses wordt de bijdrage van de incentive geraamd op een nettovergoeding van 1,3-1,4%, toe te passen op 40% van de RAB, zolang Elia Transmission België erin slaagt een redelijke doelstelling van gemiddeld 65-70% van het maximumbedrag voor alle incentives te bereiken.
Sedert 2020 heeft de CREG de tariefmethodologie gewijzigd om specifieke regels op te nemen die van toepassing zijn op de investering in de Modular Offshore Grid.
De tariefmethodologie 2020-2023 omvatte specifieke regels die van toepassing waren op de investering in de eerste fase van het Modular Offshore Grid ('MOG I'). De belangrijkste kenmerken van deze parameters waren (i) een specifieke risicopremie die op deze investering moet worden toegepast (wat resulteert in een extra nettorendement van 1,4% voor eigen vermogen dat in MOG I-activa werd geïnvesteerd), (ii) specifieke afschrijvingspercentages die van toepassing zijn op de MOG I-activa, (iii) bepaalde kosten die specifiek zijn voor de MOG I-activa en anders worden verwerkt dan de kosten voor onshore activiteiten en (iv) een specifieke incentive op basis van de beschikbaarheid van de MOG Iactiva.
Voor de tariefperiode 2024-2027 bevestigde de CREG het regelgevende kader zoals bepaald in de vorige tariefmethodologie.
De CREG heeft de risicopremie voor MOG II geraamd op ongeveer 1,4% (van toepassing op 40% van de gereguleerde activabasis van MOG II), rekening houdend met het feit dat MOG II deel zal uitmaken van het grotere Prinses Elisabeth Eiland. Voor het eiland stelt de CREG een afschrijvingsperiode van 60 jaar voor. Voor MOG I en II verwacht Elia Transmission België dat de risicopremie ongeveer 0,2% zal bijdragen tot het regulatoire rendement op eigen vermogen van Elia Transmission Belgium.
Voor elk jaar van de nieuwe tariefperiode 2024-2027 wordt het jaarlijkse daggemiddelde van de rentevoet van de Belgische lineaire obligatie op tien jaar ('OLO10Y') bepaald. Afhankelijk van de OLO10Y wordt de billijke marge bepaald op basis van een cumulatieve beoordeling in drie stappen:
• Stap 1: als de OLO10Y onder 1,68% daalt, wordt de billijke winstmarge vastgesteld op 4,1%, wat een minimale opbrengst garandeert;
• Stap 2: als de OLO10Y tussen 1,68% en 2,87% schommelt, ontvangt het volledige gemiddelde eigen vermogen een bijkomende vergoeding gelijk aan het verschil tussen de OLO10Y en 1,68%. Aan de bovenkant van deze vork resulteert dit in een bijkomende vergoeding van 1,19%; en
• Stap 3: als het percentage boven de 2,87% komt, zal het volledige gemiddelde eigen vermogen de vergoeding van stap 1 en stap 2 ontvangen, evenals een bijdrage die evenredig is aan het verschil tussen de OLO10Y en 2,87%. De CREG heeft dus besloten om een differentiatie te voorzien in de vergoeding tussen de oude en de nieuwe RAB. De oude RAB, d.w.z. activa die in gebruik werden genomen tot en met 31 december 2021, zal 50% van het verschil ontvangen, terwijl de nieuwe RAB, d.w.z. activa die in gebruik werden genomen op of na 1 januari 2022, de volledige 100% van het verschil zal ontvangen.
Jaarverslag Elia Group NV Btw-nr. BE0476.388.378
Op basis van de parameters zoals beschreven in de tariefmethodologie voor de periode van 2024 tot 2027 wordt verwacht dat het gemiddelde regulatoire rendement op eigen vermogen voor die periode ongeveer 7,2% zal bedragen. Dit zal gedeeltelijk afhangen van de werkelijke resultaten, de evolutie van het jaarlijkse daggemiddelde van de Belgische rente (OLO-rente op 10 jaar) op de langetermijnobligatie (uitgaand van een OLO10Y van 3,27% over de periode 2024-2027), de prestaties met betrekking tot de verschillende incentives, het respectieve gewicht van de nieuwe en de oude RAB en uitgaande van een beoogde verhouding (gearing) van eigen vermogen/vreemd vermogen van 40/60. Als aan de veronderstellingen met betrekking tot een van deze elementen niet wordt voldaan, kan dit een nadelige invloed hebben op het verwachte gemiddelde regulatoire rendement op eigen vermogen. Dit zou met name het geval kunnen zijn als de OLO10Y zou dalen (en lager zou zijn dan 3,27% over een langere periode, wat werd verondersteld om te komen tot een verwacht gemiddeld rendement van 7,2% voor ETB).
De werkelijke volumes vervoerde elektriciteit kunnen op jaarbasis verschillen van de volumes die voorspeld zijn. Wanneer de vervoerde volumes hoger (of lager) zijn dan de voorspelde, wordt de afwijking van de gebudgetteerde waarde geboekt op een overlopende rekening tijdens het jaar waarin ze zich voordoet. Deze afwijkingen van de gebudgetteerde waarden (een gereguleerde schuld of een gereguleerde opbrengst) worden gecumuleerd en opgenomen in de tariefbepaling voor de volgende tariefperiode. Ongeacht afwijkingen tussen de voorspelde parameters voor tariefbepaling (billijke vergoeding, niet-beheersbare elementen, beheersbare elementen, beïnvloedbare kosten, incentivecomponenten, toewijzing van kosten en opbrengsten tussen gereguleerde en nietgereguleerde activiteiten) en de effectief gemaakte kosten of opbrengsten met betrekking tot deze parameters, neemt de CREG de uiteindelijke beslissing over de vraag of de gemaakte kosten/opbrengsten redelijk worden geacht om te worden gedragen door de tarieven. Dit besluit kan ertoe leiden dat de gemaakte elementen worden afgewezen. Indien dergelijke kostenelementen worden afgewezen, wordt het bedrag niet in aanmerking genomen voor de tariefbepaling van de volgende periode. Hoewel Elia een rechterlijke toetsing van dergelijke beslissingen kan vragen, kan een afwijzing, indien deze rechterlijke toetsing geen succes zou hebben, een globale negatieve impact hebben op de financiële positie van Elia.
De tariefmethodologie voor 2024-2027 voorziet een mechanisme dat Elia Transmission Belgium in staat stelt activiteiten buiten de Belgische gereguleerde perimeter te ontwikkelen en waarvan de kosten niet worden gedekt door netwerktarieven in België. Deze methodologie geeft structuur aan een mechanisme om ervoor te zorgen dat de financiële deelname van Elia Transmission Belgiê in andere bedrijven, die niet als onderdeel van de RAB door de CREG worden beschouwd (bijvoorbeeld belangen in gereguleerde of niet-gereguleerde activiteiten buiten België), geen impact heeft op de Belgische netgebruikers.
In zijn rol als netbeheerder is Elia onderworpen aan verschillende openbare dienstverplichtingen die worden opgelegd door de overheid en/of door reguleringsmechanismen. Overheidsinstanties/reguleringsmechanismen leggen openbare dienstverplichtingen vast in verschillende domeinen (zoals promotie van hernieuwbare energie, groenestroomcertificaten, strategische reserves, sociale steun, vergoedingen voor het gebruik van het publieke domein, offshore aansprakelijkheid) die door de netbeheerders moeten worden uitgevoerd. De kosten die de netbeheerder voor deze verplichtingen maakt, worden volledig gedekt door tarifaire 'heffingen' zoals goedgekeurd door de regulator.
Het Duitse regegevend kader is verdeeld over diverse wetgevingsstukken. De kernwet is de Duitse wet inzake de energievoorziening (Energiewirtschaftsgesetz - EnWG), die het algemene wettelijke kader definieert voor de gas- en elektriciteitsvoorziening in Duitsland. De EnWG wordt ondersteund door een aantal wetten, verordeningen en regulerende besluiten, die gedetailleerde bepalingen verstrekken over het huidige stelsel van incentiverende regelgeving, boekhoudmethoden en toegangscontracten voor het net, met inbegrip van:
De regelgevende instanties voor de energiesector in Duitsland zijn het Bundesnetzagentur (BNetzA) in Bonn (voor netten waarop 100.000 en meer netgebruikers rechtstreeks of onrechtstreeks aangesloten zijn) en de specifieke regelgevende instanties in de respectieve deelstaten (voor netten waarop minder dan 100.000 netgebruikers rechtstreeks of onrechtstreeks aangesloten zijn). De regelgevende instanties zijn onder andere belast met de niet-discriminerende toegang tot het net voor derde partijen en het toezicht op de tarieven die de netbeheerders toepassen voor het gebruik van het net. 50Hertz Transmission en 50Hertz Offshore zijn onderworpen aan de bevoegdheid van het BNetzA.
Het tariefreguleringsmechanisme in Duitsland wordt momenteel bepaald door de EnWG, de StromNEV en de ARegV. De nettarieven worden berekend op basis van de inkomstenlimiet (artikel 17 van de ARegV) en omvatten de onshore activiteiten.
Het initiële niveau van de inkomstenlimiet wordt door de BNetzA voor elke TNB bepaald voor een tariefperiode van vijf jaar op basis van een kostenbeoordeling voor een 'basisjaar'. Het initiële niveau van de inkomstenlimiet wordt echter jaarlijks aangepast om rekening te houden met specifieke gevallen waarin de ARegV voorziet. Als netbeheerders bepaalde opbrengsten boven hun individueel
-
vastgelegde inkomstenlimiet behouden, is er een compensatiemechanisme van kracht (artikel 5 van de ARegV). De vierde tariefperiode ging van start op 1 januari 2024 en loopt af op 31 december 2028.
De tarieven zijn openbaar en liggen vast. Het is alleen bepaalde klanten toegestaan (in specifieke omstandigheden waarin wordt voorzien door de betrokken wetten) om individuele tarieven af te spreken conform artikel 19 van de StromNEV (bijvoorbeeld wanneer een netactief door slechts één gebruiker wordt gebruikt). Vanaf 2023 worden nationale uniforme nettarieven voor alle Duitse TNB's met verantwoordelijkheid voor een regelzone berekend op basis van hun respectieve gezamenlijke kostenbasis.
Om de inkomstenlimiet te bepalen voor elk jaar binnen de tariefperiode, worden de kosten van de TNB's in de volgende categorieën ingedeeld.
De TNBK en BK omvatten beide de kapitaalkosten (dus de vergoeding voor het rendement op eigen vermogen (begrensd op 40%), de schuldkosten (ook begrensd indien niet kan worden aangetoond dat ze marktconform zijn), de afschrijvingen en de toegerekende bedrijfsbelasting voor activa die waren opgenomen in het Basisjaarmechanisme met aftrek van de kapitaalkosten als een element van het KKA-model).
– Toeslag voor kapitaalkosten: De toeslag voor kapitaalkosten (Kapitalkostenaufschlag of 'KKauf') maakt als tweede element van het KKA-model een jaarlijkse aanpassing van de inkomstenlimiet voor kapitaalkosten mogelijk in het geval van nieuwe investeringen. Dit zijn echter geen PNBK of TNBK. De KKauf wordt berekend in overeenstemming met artikel 10a van de ARegV. Deze toeslag bestaat uit de som van de toegerekende afschrijving, de toegerekende rente en de toegerekende bedrijfsbelasting, berekend op basis van de aankoop- en productiekosten van de activa die nodig zijn voor de activiteiten. De toegerekende rente bestaat uit het rendement op eigen vermogen (zie hieronder) evenals een vaste rentevoet voor de schuldkosten. De KKauf is een aanvraagprocedure. De aanvraag voor de KKauf moet jaarlijks vóór 30 juni bij de BNetzA worden ingediend. Bij de berekening van de KKauf wordt rekening gehouden met de geactiveerde activa die nodig zijn voor de activiteiten indien deze werden geactiveerd vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op het basisjaar van de inkomstenlimiet die moet worden aangepast, en naar verwachting worden geactiveerd op 31 december van het jaar waarvoor de KKauf is goedgekeurd. Enkel investeringen die operationeel noodzakelijk zijn in overeenstemming met artikel 10a van de ARegV worden goedgekeurd.
Wat het rendement op kapitaal betreft, voorziet de BNetzA in aparte opbrenstenmark-ups voor het rendement op eigen vermogen en de schuldkosten, op basis van het feit dat 40 % van de totale waarde van de activa wordt beschouwd als 'met eigen vermogen gefinancierd', terwijl de rest wordt behandeld als 'quasi-schuld'.
Het tarief voor het rendement op eigen vermogen (REV) wordt voor elke tariefperiode bepaald door de BNetzA. In oktober 2021 legde de BNetzA het REV vast voor de vierde tariefperiode. Het REV werd vastgelegd op 5,07% (4,13% na belastingen) voor investeringen gerealiseerd na 2006 (3,51% voor investeringen tot 2006). 50Hertz ging in beroep tegen de beslissing van de BNetzA over het rendement op eigen vermogen. In zijn beslissing van 17 december 2024 bevestigde het BGH echter de vaststelling door het BNetzA van de rendementen op het eigen vermogen voor de elektriciteitsnetbeheerders voor de 4e tariefperiode. Op 24 januari 2024 kondigde de BNetzA een andere beslissing aan met betrekking tot het regulatoire REV voor onshore investeringen als reactie op een onverwachte en aanzienlijke stijging van de rentevoeten. Volgens deze beslissing zal het REV voor nieuwe onshore investeringen binnen de KKA jaarlijks worden bepaald vanaf 2024, met een vaste risicopremie (3%) en een geactualiseerde basisrente voor dat specifieke jaar. Deze basisrente hangt af van de prestaties van de risicovrije rentevoet in het onderliggende jaar, zoals gepubliceerd door de Duitse Federale Bank. Dit leidt tot een aanpassing van 4,13% naar 5,65% na belastingen (wat overeenkomt met 6,92% vóór vennootschapsbelasting) voor het jaar 2024. Wat betreft bestaande investeringen tot 2023 en projecten die al in gebruik werden genomen, zal het initiële niet-aangepaste tarief van 4,13% na belastingen (wat overeenkomt met 5,07% vóór vennootschapsbelasting) gedurende de hele tariefperiode worden toegepast. Met haar beslissing van 2 oktober 2024 breidde de BNetzA dezelfde voorschriften uit naar offshore activa. 50Hertz ging in beroep tegen die beslissing van de BNetzA. De procedure loopt nog steeds op het niveau van de hogere regionale rechtbank.
De vaste rentevoet voor schuldkosten voor het respectieve jaar van aankoop moet worden gebruikt in overeenstemming met artikel 10a van de ARegV, en dient te worden berekend als rekenkundig gemiddelde van de volgende rentereeksen zoals gepubliceerd door de Duitse Federale Bank:
1.huidige rendementen op binnenlandse obligaties aan toonder - bedrijfsobligaties en 2.leningen aan niet-financiële vennootschappen van meer dan 1 miljoen EUR, met een initiële vaste rente en een looptijd van meer dan een jaar tot maximaal vijf jaar.
Naast de nettarieven zijn de kosten en opbrengsten die verband houden met de offshore activiteiten vanaf 2019 onderworpen aan een offshore nettoeslag. De offshore nettoeslag omvat CAPEX (inclusief rendement op eigen vermogen) en werkelijke operationele kosten overeenkomstig de StromNEV en de ARegV, naast betalingen aan offshore windparken in lijn met de offshore aansprakelijkheidsbepalingen die zijn vastgelegd in de EnWG voor de vergoeding van onderbrekingen of vertragingen van offshore netaansluitingen. De offshore nettoeslag wordt ieder jaar berekend op basis van de geplande kosten voor het jaar t, met een latere verrekening van de werkelijke kosten in het jaar t+1 en een
overeenstemmende vergoeding voor afwijkingen tussen de geplande en werkelijke kosten in de offshore nettoeslag van het jaar t+2.
Bovendien wordt 50Hertz vergoed voor kosten die het oploopt in het kader van zijn verplichtingen op het vlak van hernieuwbare energie, inclusief EEG en CHP/KWKG, en andere verplichtingen zoals het mechanisme voor individuele nettarieven volgens artikel 19 van de StromNEV dat onderworpen is aan toeslagen. Met een nieuwe regeling om de bijkomende kosten van distributienetbeheerders voor de integratie van HE-systemen (systemen voor hernieuwbare energiebronnen) te herverdelen, geeft de BNetzA netbeheerders met aanzienlijke financiële lasten het recht om een deel van hun netwerkkosten voor de integratie van HE-systemen ook door te rekenen in de toeslag voor individuele nettarieven.
In 2024 is een nieuwe periode van vijf jaar ingegaan (periode waarin de regulatoren de opbrengsten van de cumulatieve interconnector beoordelen). Er waren evenwel geen belangrijke wijzigingen in het regelgevende kader voor de Nemo Link interconnector zelf.
Volledigheidshalve volgt hieronder de gedetailleerde beschrijving van het regelgevende kader dat van toepassing is op de Nemo Link interconnector.
Er is een specifiek regelgevend kader van toepassing op de Nemo Link interconnector sinds de datum van ingebruikname ervan op 31 januari 2019. Het kader maakt deel uit van de tariefmethodologie die op 18 december 2014 door de CREG werd uitgegeven. Het boven- en ondergrensregime is een op inkomsten gebaseerd regime met een looptijd van 25 jaar. De nationale regulatoren van het VK en België (respectievelijk de Ofgem en de CREG) bepaalden de rendementsniveaus van de boven- en ondergrens ex-ante (vóór de bouw) en deze liggen grotendeels vast (in reële termen) voor de duur van het regime. Het rendementsniveau van de bovengrens kan met maximaal 2 procent worden verhoogd of verlaagd conform de beschikbaarheidsstimuli. Bijgevolg zullen investeerders zekerheid hebben over het regelgevende kader tijdens de hele levensduur van de interconnector.
De interconnector is momenteel operationeel (vanaf 31 januari 2019) en als gevolg daarvan is het boven en ondergrensregime van toepassing. Om de vijf jaar beoordelen de regulatoren de opbrengsten van de cumulatieve interconnector (na aftrek van eventuele marktgerelateerde kosten) over de periode in vergelijking met de cumulatieve boven- en ondergrenzen om te bepalen of de boven- of ondergrens in werking treedt. Indien de opbrengsten boven de bovengrens uitkomen, worden ze op een 50/50-basis teruggegeven aan de TNB's in het VK (National Grid plc) en in België (ETB). De TNB's kunnen dan de netlasten voor netgebruikers in hun respectieve rechtsgebieden verlagen. Als de opbrengsten onder de ondergrens uitkomen, dan worden de eigenaars van de interconnector gecompenseerd door de TNB's die het verschil bijpassen. De TNB's kunnen op hun beurt deze kosten terugverdienen door middel van de nationale transmissietarieven in hun respectieve rechtsgebieden.
Elke periode van vijf jaar wordt afzonderlijk bekeken. Aanpassingen van de boven- en ondergrens in één periode zullen geen invloed hebben op aanpassingen voor toekomstige perioden, en de totale opbrengsten van één periode worden in toekomstige perioden niet in aanmerking genomen.
De elementaire kenmerken van de tariefmethodologie zijn als volgt:
| Duur van de regeling | 25 jaar |
|---|---|
| Niveaus cap en floor | De niveaus worden vastgelegd bij de aanvang van het regime en blijven in reële termen vastgesteld voor een periode van 25 jaar vanaf de start van de regeling. Op basis van de toepassing van mechanistische parameters op kostenefficiëntie: er werd een benchmark voor de kosten voor het leveren van de ondergrens toegepast en een benchmark voor het rendement op eigen vermogen om de bovengrens te leveren. |
| Evaluatieperiode (om te bepalen of de inkomsten van de interconnectie hoger/lager zijn dan de cap/floor-niveaus) |
Om de vijf jaar met tussentijdse aanpassingen indien vereist en gerechtvaardigd door de interconnector (Nemo Link Ltd). Met tussentijdse aanpassingen kan de interconnector (en zijn aandeelhouders) zijn opbrengsten tijdens de beoordelingsperiode terugverdienen als de opbrengsten onder de ondergrens (of boven de bovengrens) liggen, maar aan het einde van de vijfjaarlijkse beoordelingsperiode nog steeds moeten worden opgewaardeerd. |
| Jaarverslag | Elia Group NV | |
|---|---|---|
| Btw-nr. | BE0476.388.378 | |
Mechanisme Als de opbrengsten op het einde van de periode van 5 jaar tussen de boven- en ondergrens liggen, wordt er geen aanpassing doorgevoerd. Inkomsten boven het gecumuleerde plafond worden teruggegeven aan de eindverbruikers (via een verlaging van de nationale transmissietarieven door de TNB's) en elk tekort aan opbrengsten onder de gecumuleerde ondergrens wordt aangevuld door de netgebruikers (via een verhoging van de nationale transmissietarieven door de TNB's).
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.