Annual Report • Apr 17, 2014
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
JAARREKENING EN -VERSLAG 2013
1 JAARRESULTATEN 2013
* De punten van het artikel 96 van het Wetboek van Vennootschappen, die de inhoud van het jaarverslag definieert, die niet van toepassing zijn voor D'Ieteren, werden niet opgenomen in deze samenvatting.
D'Ieteren kondigt een resultaat 2013 aan dat zich in de bovenvork van zijn verwachtingen situeert. De teams van D'Ieteren Auto hebben het marktaandeel van de verdeelde merken op een hoog niveau gehouden op een dalende markt die gekenmerkt werd door grote concurrentie. Belron liet een organische groei met 5 % optekenen op een markt die verder werd gekenmerkt door een dalende tendens. Rekening houdend met deze realisaties heeft de Raad van Bestuur van D'Ieteren beslist om een onveranderd dividend voor te stellen.
In een context die moeilijk blijft, nemen de twee activiteiten bovendien initiatieven om hun ontwikkeling te verzekeren en hun toekomst veilig te stellen: D'Ieteren Auto is van plan om zijn eigen netwerk van concessies in Brussel te hergroeperen, terwijl Belron zijn internationale aanwezigheid blijft versterken en blijft werken aan zijn operationele rentabiliteit.
De geconsolideerde verkopen bedragen 5.470,5 miljoen EUR, -0,8 % ten opzichte van 2012. Ze worden als volgt opgesplitst:
op de marges, gedeeltelijk gecompenseerd door een terugval in Brazilië en Australië door ongunstige marktomstandigheden.
Zonder rekening te houden met de in 2012 geboekte terugneming van de voorziening met betrekking tot het incentiveplan op lange termijn voor het management bij Belron, is het courante geconsolideerde resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, nagenoeg stabiel gebleven (+0,1 % 2 ).
De Raad van Bestuur stelt voor om het bruto dividend voor het boekjaar 2013 op 0,80 EUR per aandeel te houden. Als het goedgekeurd wordt door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 5 juni 2014 zal het dividend op 13 juni 2014 uitgekeerd worden (notering ex-coupon op 10 juni 2014).
De activiteiten van D'Ieteren worden op autonome en onafhankelijke wijze gefinancierd. Tussen december 2012 en december 2013 steeg de geconsolideerde netto financiële schuld4 van de groep lichtjes van 491,3 miljoen EUR tot 505,3 miljoen EUR.
In de loop van de periode investeerden de groep D'Ieteren en zijn twee activiteiten bijna 100 miljoen EUR in overnames (verhoging van de participatie in Belron, overname van de twee concessies van Joly (cf. pagina 4) door D'Ieteren Auto en versterking van de aanwezigheid van Belron in de Verenigde Staten, in Italië, in Spanje en in Canada). Een dividend van 44 miljoen EUR werd ook uitgekeerd aan zijn aandeelhouders.
De netto financiële positie4 van de pool D'Ieteren Auto/Corporate evolueerde van een overschot van 251,2 miljoen EUR tot een overschot van 226,4 miljoen EUR.
De netto financiële schuld 4 van Belron evolueerde van 742,5 miljoen EUR in december 2012 tot 731,7 miljoen EUR in december 2013.
D'Ieteren bevestigt zijn wil om zijn beschikbare financiële middelen te investeren om zijn groei op lange termijn te verzekeren, enerzijds via zijn bestaande activiteiten, en anderzijds via de overname – alleen of in partnerschap – van één of meer nieuwe activiteiten waarvoor de zoektocht aan de gang is.
De keuze van deze activiteit zal gemaakt worden op basis van criteria zoals de kwaliteit van de sectorale fundamenten op lange termijn – de sector moet niet noodzakelijk verband houden met de autosector –, de aanwezigheid van toetredingsbarrières, het geringe risico op technologische of regelgevende veranderingen en de groeimogelijkheden.
Het systematisch selectieproces dat ontwikkeld werd, combineert een sectorale benadering met een opportunistische benadering.
Rekening houdend met de huidige vooruitzichten voor zijn activiteiten en met de ongunstige weersomstandigheden in Europa in het begin van het jaar, verwacht D'Ieteren in 2014 een iets lager courant geconsolideerd resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, dan in 2013.
De totale verkopen van D'Ieteren Auto over het hele jaar bedragen 2.627,4 miljoen EUR, hetzij -5,7 % op één jaar tijd. Deze evolutie weerspiegelt voornamelijk een daling van de reële markt (zonder rekening te houden met de inschrijvingen van minder dan 30 dagen1 ) en een daling van het marktaandeel, evenals een vermindering van de voorraden van de concessiehouders.
Zonder rekening te houden met de inschrijvingen van minder dan 30 dagen1 om de reële situatie van de automarkt beter te weerspiegelen, bereikten de inschrijvingen van nieuwe wagens in België in 2013 455.168 eenheden, een daling met 1,5 % op één jaar. Inclusief deze inschrijvingen bereikten de inschrijvingen van nieuwe wagens 486.065 eenheden, een nagenoeg stabiel niveau in vergelijking met het jaar voordien (-0,1 %).
Zonder rekening te houden met de inschrijvingen van minder dan 30 dagen 1 , bedraagt het marktaandeel van de door D'Ieteren Auto verdeelde merken in 2013 22,39 % (ten opzichte van 23,16 % het jaar voordien). Inclusief deze inschrijvingen blijft het marktaandeel op een hoog niveau van 21,15 % (ten opzichte van 22,12 % voor het volledige jaar 2012).
Volkswagen behoudt zijn eerste plaats op de Belgische markt, met een marktaandeel van meer dan 10 %, onder meer dankzij het succes van de nieuwe Golf. Het marktaandeel van Volkswagen is echter lichtjes gedaald ten opzichte van het volledige jaar 2012. Het marktaandeel van Audi in 2013 vertegenwoordigde het op één na beste resultaat van het merk in zes jaar, na het resultaat van 2012. De daling ten opzichte van vorig jaar is te wijten aan de concurrentie van recent vernieuwde modellen van andere merken, en dit ondanks het succes van de A3. Škoda, waarvan de Fabia geconfronteerd wordt met grote concurrentie, kende ook een daling van zijn marktaandeel, terwijl Seat erop vooruitging, vooral dankzij het succes van de Ibiza en de nieuwe Leon.
In 2013 daalde de markt van de lichte bedrijfsvoertuigen met 2,18 % tot 53.419 inschrijvingen. Het aandeel van D'Ieteren Auto op deze markt bedraagt 11,87 % (ten opzichte van 12,54 % in 2012) als gevolg van grote concurrentiedruk, die voornamelijk de Crafter en de Caddy Van treft.
Het aantal in 2013 door D'Ieteren geleverde nieuwe voertuigen, met inbegrip van bedrijfsvoertuigen, bedraagt 112.877 eenheden (-6,1 % ten opzichte van 2012). De afname van de leveringen, die gecompenseerd werd door een lichte stijging van de prijzen, leidde tot een verkoopniveau van nieuwe voertuigen van 2.319,3 miljoen EUR (-5,8 % ten opzichte van 2012).
De verkopen van wisselstukken en accessoires bedroegen 164,3 miljoen EUR (-3,1 % ten opzichte van 2012).
De naverkoopactiviteiten van de D'Ieteren Car Centers stegen met 5,0 % tot 67,0 miljoen EUR.
De verkopen van tweedehandsvoertuigen bedroegen 23,9 miljoen EUR, een daling met 28,9 % maar in vergelijkbare gegevens 5 een stijging met 3,0 % op een stijgende markt.
De verkopen van D'Ieteren Sport, vooral motorfietsen, quads en scooters van het merk Yamaha, daalden met 10,3 % tot 25,2 miljoen EUR als gevolg van een ongunstige markt voor het segment van de motoren, meer bepaald als gevolg van de strengere voorwaarden voor het behalen van het motorrijbewijs, gedeeltelijk gecompenseerd door een stijging van het marktaandeel tot 9,67 % (ten opzichte van 8,98 % in 2012). De distributieactiviteit van elektrische tweewielers werd stopgezet in het tweede kwartaal van 2013.
Het bedrijfsresultaat bereikte 43,0 miljoen EUR (132,8 miljoen EUR in 2012 2 ). Het courante bedrijfsresultaat, dat de ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen uitsluit, bereikte 46,7 miljoen EUR (ten opzichte van 54,2 miljoen EUR in 2012 2 ). Deze daling is voornamelijk te wijten aan de afname van de verkopen in een activiteit waarvan de kosten voornamelijk vaste kosten zijn, gedeeltelijk gecompenseerd door een daling van de marketingkosten.
De ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen begrepen in het bedrijfsresultaat (-3,7 miljoen EUR) omvatten 1,8 miljoen EUR kosten als gevolg van de stopzetting van de distributieactiviteit van elektrische tweewielers.
De netto financiële last bedroeg 8,9 miljoen EUR, ten opzichte van 6,7 miljoen EUR2 een jaar eerder. Zonder de ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen bedroeg de courante netto financiële last 7,3 miljoen EUR, ten opzichte van 8,3 miljoen EUR 2 een jaar eerder. Deze verbetering valt te verklaren door de terugbetaling in juli 2012 van een obligatielening van 100 miljoen EUR. De ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen omvatten voornamelijk de herwaardering van de renteswaps en puts toegekend aan de familiale holding van de CEO van Belron.
Het courante resultaat vóór belastingen, groepsaandeel 3 , van het segment Autodistributie & Corporate bedroeg 47,1 miljoen EUR (ten opzichte van 52,5 miljoen EUR in 2012, hetzij -10,3 %).
In 2013 werd een reeks modellen met succes gelanceerd of vernieuwd: de Beetle Cabriolet, de Golf Variant en de Jetta Hybrid bij Volkswagen, de A3 Berline en Sportback bij Audi, de Leon en de Toledo bij Seat, de Rapid, de Superb, de Yeti en de Octavia bij Škoda en de Cayman, de Panamera S E-Hybrid en de 911 Turbo bij Porsche.
D'Ieteren Auto voltooide respectievelijk in november 2013 en januari 2014 de overname van twee concessies van Joly en tien concessies van Beerens, allemaal gelegen langs de as Brussel-Antwerpen. De families Joly en Beerens wilden zich terugtrekken uit hun concessies en D'Ieteren Auto heeft beslist om de concessies over te nemen, omdat ze gelegen zijn in een strategische zone, meer bepaald voor de fleet-markt, en omdat ze samen ongeveer 4 % vertegenwoordigen van de leveringen in 2013 van Volkswagen, Audi, Seat en Škoda in België. De overname van deze concessies vertegenwoordigt een totale investering van ongeveer 26 miljoen EUR (inclusief vastgoed), waarvan 10 miljoen EUR in 2013, en zou geen significante impact moeten hebben op het resultaat van 2014.
Febiac voorziet een nagenoeg stabiele markt met ongeveer 490.000 inschrijvingen van nieuwe voertuigen in 2014. In deze hypothese streeft D'Ieteren Auto een stabiel marktaandeel na.
Dit jaar zullen nog verschillende modellen gelanceerd of vernieuwd worden: de Golf Sportsvan, de e-up!, de e-Golf en de XL1 bij Volkswagen, de A3 Cabriolet, de TT Coupé, de A8 en de A3 Sportback e-tron en g-tron bij Audi, de Rapid Spaceback bij Škoda, de Leon ST en ST TGI bij Seat en de Macan en de 911 Targa bij Porsche.
D'Ieteren Auto is van plan om tegen 2018 ongeveer 27 miljoen EUR te investeren in de D'Ieteren Car Centers, zijn autoconcessies in eigen beheer in Brussel en de Brusselse rand, en om hun geografische inplanting en organisatie te herzien om hun financiële en commerciële prestaties te verbeteren.
Tegen 2018 zouden de sites van Malie (Elsene), Anderlecht, Zaventem en Drogenbos versterkt moeten worden door de toevoeging van de activiteiten van de huidige concessies van Meiser (Schaarbeek), Woluwe (Sint-Pieters-Woluwe), Fort Jaco (Ukkel), Centre (Anderlecht), Expo (Laken) en Vilvoorde. Bovendien zou de carrosserie van Malie (Elsene) verplaatst worden naar een grotere site ten zuiden van Brussel. Na afloop van dit project zou het netwerk van de D'Ieteren Car Centers 7 multimerkensites moeten tellen, ten opzichte van 12 sites – waarvan de helft monomerkensites – nu. Deze groeperingen hebben tot doel optimaal tegemoet te komen aan de constant evoluerende behoeften van de automobilisten en functionelere sites te exploiteren, met optimale verkoop- en naverkoopstromen, waardoor de productiviteit kan stijgen.
Deze herconfiguratie zou geen collectief ontslag inhouden dankzij interne re-integraties, ondersteund door aangepaste opleidingen, en dankzij de natuurlijke vertrekken en vervroegde pensioneringen die de komende vijf jaar voorzien zijn.
Het hele project zou zich uitspreiden over vijf jaar en zal ondersteund worden door totale bruto investeringen ten bedrage van ongeveer 27 miljoen EUR gespreid over deze periode. De eventuele verkoop van de vrijgemaakte locaties zou ongeveer 10 miljoen EUR inkomende liquiditeiten genereren.
Op termijn zou het project de D'Ieteren Car Centers – die vandaag een jaarlijks verlies realiseren van ongeveer 10 miljoen EUR – in staat moeten stellen om hun financiële evenwicht te herstellen.
In 2013 stegen de verkopen met 4,3% tot 2.843,1 miljoen EUR, bestaande uit een stijging van de organische verkopen met 5,0% en een stijging met 2,4% uit overnames, gedeeltelijk gecompenseerd door een negatieve impact van 3,1% uit wisselkoersschommelingen. De organische verkopen weerspiegelen het koudere winterweer dan in 2012, zowel in Noord-Europa als in Noord-Amerika. Het totale aantal herstellings- en vervangingsinterventies steeg met 4,6% tot 10,8 miljoen. De impact uit wisselkoersschommelingen is voornamelijk te wijten aan de sterkere euro ten opzichte van alle belangrijkste valuta's. De externe groei is voornamelijk toe te schrijven aan overnames in het VK, de VS, Italië en Canada.
In Europa stegen de verkopen met 8,0%, bestaande uit een stijging van de organische verkopen met 6,5% en 2,7% externe groei, toe te schrijven aan de overname van ADR in het VK in de tweede helft van 2012 en Doctor Glass in Italië in de eerste helft van 2013, gedeeltelijk gecompenseerd door een negatieve impact van 1,2% uit wisselkoersschommelingen als gevolg van het zwakkere Britse pond.
Buiten Europa stegen de verkopen met 0,2 %, bestaande uit een stijging van de organische verkopen met 3,3 %, een positieve impact van 2,1 % uit overnames in de VS en Canada, gedeeltelijk gecompenseerd door een negatieve impact van 5,2 % uit wisselkoersschommelingen als gevolg van de sterkere euro.
De verkopen over de periode profiteerden van het koudere winterweer in het eerste kwartaal en van extra marketingcampagnes in verschillende landen. De onderliggende marktomstandigheden in de ontwikkelde economieën bleven echter uitdagend.
Het courante bedrijfsresultaat bedroeg 173,5 miljoen EUR (20122: 196,0 miljoen EUR). Zonder rekening te houden met de terugneming van de voorziening met betrekking tot een incentiveplan op lange termijn in 2012 (24,5 miljoen EUR), steeg het courante bedrijfsresultaat met 1,2 % 2 door de stijging van de winst op de meeste markten als resultaat van een stijging van de verkopen en de impact ervan op de marges, gedeeltelijk gecompenseerd door dalingen van de winst in Brazilië en Australië, als resultaat van een ongunstige marktomgeving.
De ongebruikelijke kosten en waardeaanpassingen die opgenomen zijn in het bedrijfsresultaat bedroegen 16,6 miljoen EUR en houden voornamelijk verband met kosten in het kader van het Canadese overnameprogramma (-7,2 miljoen EUR) en van de afschrijving van immateriële activa.
De netto financieringskosten bedroegen 38,7 miljoen EUR (2012 2 : 40,3 miljoen EUR). Vóór waardeaanpassingen verbonden aan veranderingen in de reële waarde van derivaten daalden de courante netto financieringskosten van 36,7 miljoen EUR in 20122 tot 35,8 miljoen EUR door een lagere gemiddelde nettoschuld.
Het courante resultaat vóór belastingen, groepsaandeel 3 , daalde met 11,6 % 2 tot 130,5 miljoen EUR. Zonder rekening te houden met de terugneming van de voorziening met betrekking tot een incentiveplan op lange termijn in 2012 (22,8 miljoen EUR in groepsaandeel), steeg het courante resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, met 4,5 % 2 .
Hoewel het koudere weer in het eerste kwartaal zowel in Noord-Europa als in Noord-Amerika extra opportuniteiten bood, werd de impact van het weer over het algemeen grotendeels gecompenseerd door verdere onderliggende marktdalingen. De lagere discretionaire inkomsten, de lagere snelheden en het kleinere aantal gevallen van voertuigcriminaliteit worden beschouwd als de belangrijkste factoren. Als reactie werden acties ondernomen om het aandeel in het segment te behouden of te vergroten, alsook om de kostenbasis aan te passen. In 2013 werden personeelshervormingen doorgevoerd in de Australische, Britse en Canadese ondernemingen. De resultaten van 2013 weerspiegelen zowel deze hervormingen als de impact over het volledige jaar van kostenbesparingen die plaatsvonden in 2012.
In 2013 werd Belron geconfronteerd met zeer ongunstige omstandigheden in Brazilië en Australië. In Brazilië steeg het marktaandeel van Belron in de context van een grote prijsconcurrentie. De extra volumes eisten een onvoorziene onderaanneming en oprichtingskosten, die een negatief impact hadden op de resultaten. In Australië werd Belron geconfronteerd met een marktdaling in combinatie met een lager marktaandeel ten gevolge van twee belangrijke partners die het aandeel van Belron in de behandeling van hun schadeclaims met betrekking tot voertuigbeglazing verminderden.
Het bedrijf bleef zich focussen op de verlening van een uitstekende service aan al zijn klanten. Veel ondernemingen van Belron bereikten dan ook nieuwe recordniveaus op het vlak van klantendienst. Er werden nieuwe technologische oplossingen geïmplementeerd om de klanten de kans te bieden om hun diensten gemakkelijker te boeken en te traceren, vooral als ze hun benadering veranderen, door bijvoorbeeld contact op te nemen via het internet, mobiele toestellen, telefoon of rechtstreeks in een filiaal. Naast de focus op een uitstekende dienstverlening aan de klanten blijft Belron nauw samenwerken met zijn verzekerings- en vlootpartners in elk land door zich toe te spitsen op de totale waarde die aan deze partners wordt aangeboden via een combinatie van dienstverlening en kostprijs. Er werden veel nieuwe initiatieven genomen om de klanten extra waarde aan te bieden, en in verschillende landen werden consumentenpromoties gelanceerd, onder meer de aanbieding van ruitenwissers.
Belron zette zijn doelstelling van een doelgerichte geografische expansie voort en ondertekende een franchiseovereenkomst in Indonesië, waardoor het totaal aantal landen waar Belron nu actief is, 35 bedraagt. In Canada werden meer vroegere franchisenemers overgenomen in het kader van het transformatieproject en er werden meer overnames gedaan in de VS, Italië en Spanje.
In 2014 wordt een matige organische groei van de verkopen verwacht als gevolg van de verwachte aanhoudende ongunstige markttrends en van de ongunstige weersomstandigheden in Europa in het begin van het jaar. Om haar financiële resultaten te verbeteren, zal de onderneming in alle domeinen innovatief blijven, de flexibiliteit van haar activiteiten versterken en verdere efficiëntie-initiatieven nastreven.
1 Om een preciezer beeld van de automarkt te krijgen, maakt Febiac, de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, voortaan de inschrijvingscijfers bekend waar die voertuigen zijn uitgefilterd die binnen de 30 dagen na hun eerste inschrijving uitgeschreven werden. Het betreft meestal voertuigen waarvan verondersteld kan worden dat ze niet door de finale klant in België in het verkeer werden gebracht.
46 Toelichting 18: Voor afdekking aangehouden derivaten
47 Toelichting 19: Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten
Wij verklaren dat, voor zover ons bekend, de geconsolideerde jaarrekening afgesloten op 31 december 2013 opgesteld overeenkomstig de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard door de Europese Unie, een getrouw beeld geeft van het vermogen, van de fi nanciële toestand en van de resultaten van de s.a. D'Ieteren n.v. en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, en dat het jaarverslag een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van s.a. D'Ieteren n.v. en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsmede een beschrijving geeft van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.
Namens de Raad van bestuur,
Axel Miller Roland D'Ieteren Gedelegeerd bestuurder Voorzitter
| TOTAAL TOTAAL BESTAANDE UIT BESTAANDE UIT Onge- Onge- bruikelijke bruikelijke elementen elementen en waarde- en waarde- Courante Courante aanpas- aanpas- in miljoen EUR Toelichting elementen (2) singen (2) elementen (2) singen (2) Verkopen 4 5.470,5 5.470,5 5.514,5 5.514,5 - - Kosten van verkopen -3.796,4 -3.861,2 -3.796,6 0,2 -3.901,6 40,4 Bruto marge 1.674,1 1.653,3 1.673,9 0,2 1.612,9 40,4 Commerciële- en administratieve kosten -1.462,9 -1.376,5 -1.449,6 -13,3 -1.359,3 -17,2 Overige bedrijfsopbrengsten 1,6 40,6 1,6 1,5 39,1 - Overige bedrijfskosten -12,9 -35,8 -5,7 -7,2 -4,9 -30,9 |
|---|
| Bedrijfsresultaat 5 199,9 220,2 -20,3 281,6 250,2 31,4 |
| Netto fi nancieringskosten 6 -47,6 -47,0 -43,1 -4,5 -45,0 -2,0 |
| Aandeel in het resultaat van entiteiten verwerkt 7 0,5 -4,0 4,3 -8,3 5,2 -4,7 volgens de "equity"-methode |
| Resultaat vóór belastingen 9 152,8 182,3 -29,5 230,6 209,5 21,1 |
| Belastingen 8 -34,8 -35,6 -41,4 6,6 -42,2 6,6 |
| Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 118,0 195,0 140,9 -22,9 167,3 27,7 |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten - - - - - - |
| RESULTAAT VAN DE PERIODE 118,0 195,0 140,9 -22,9 167,3 27,7 |
| Resultaat toerekenbaar aan: |
| Houders van eigen-vermogensinstrumenten van de 114,0 190,1 9 136,1 -22,1 159,4 30,7 moedermaatschappij |
| Belangen zonder zeggenschap 4,0 4,9 4,8 -0,8 7,9 -3,0 |
| Resultaat per aandeel voor het resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij |
| Gewoon (in EUR) 10 2.07 2.47 -0,40 3,45 2,89 0,56 Verwaterd (in EUR) 10 2.06 2.46 -0,40 3,44 2,88 0,56 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
(2) Zie samenvatting van de specifieke grondslagen voor financiële verslaggeving in toelichting 2 en ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen in toelichting 9.
| in miljoen EUR Toelichting |
2013 | 2012 (1) |
|---|---|---|
| Resultaat van de periode | 118,0 | 195,0 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | ||
| Elementen die niet naar de winst- en verliesrekening zullen geclassifi ceerd worden : | 0,2 | 12,0 |
| Actuariële winsten (verliezen) op verplichtingen uit hoofde van 20 personeelsbeloningen |
2,5 | 15,0 |
| Belastingen met betrekking tot actuariële winsten (verliezen) op verplichtingen uit hoofde van personeelsbeloningen |
-2,3 | -3,0 |
| Elementen die eventueel naar de winst- en verliesrekening zullen geclassifi ceerd worden : |
-26,1 | -6,0 |
| Omrekeningsverschillen | -26,7 | -4,5 |
| Kasstroomafdekkingen: winsten (verliezen) voortvloeiend uit een verandering in de reële waarde opgenomen in eigen vermogen |
0,6 | -1,2 |
| Belastingen met betrekking tot kasstroomafdekkingen | - | -0,3 |
| Niet-gerealiseerde resultaten, netto van belastingen | -25,9 | 6,0 |
| Totaal van de gerealiseerde- en niet-gerealiseerde resultaten van de periode | 92,1 | 201,0 |
| toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de zijnde: moedermaatschappij |
89,5 | 195,6 |
| toerekenbaar aan belangen zonder zeggenschap | 2,6 | 5,4 |
| in miljoen EUR | Toelichting | 2013 | 2012 (1) | |
|---|---|---|---|---|
| Goodwill | 11 | 1.056,9 | 1.042,1 | |
| Overige immateriële vaste activa | 13 | 434,5 | 430,2 | |
| Overige materiële vaste activa | 15 | 458,2 | 456,4 | |
| Vastgoedbeleggingen | 16 | 4,8 | 5,1 | |
| Entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode | 7 | 59,9 | 59,4 | |
| Voor verkoop beschikbare fi nanciële activa | 17 | 0,5 | 0,5 | |
| Ten einde looptijd aangehouden fi nanciële activa | 14 | 9,7 | - | |
| Activa uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | 20 | 34,2 | 54,9 | |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 21 | 41,6 | 53,8 | |
| Overige vorderingen | 22 | 23,6 | 22,8 | |
| Vaste activa | 2.123,9 | 2.125,2 | ||
| Voorraden | 23 | 539,3 | 561,5 | |
| Ten einde looptijd aangehouden fi nanciële activa | 14 | 288,4 | 211,7 | |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | 0,6 | 0,1 | |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 7,4 | 9,5 | |
| Andere fi nanciële activa | 24 | 1,6 | 0,5 | |
| Actuele belastingvorderingen | 25 | 9,2 | 9,2 | |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 26 | 384,7 | 393,8 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 27 | 199,6 | 181,7 | |
| Vlottende activa | 1.430,8 | 1.368,0 | ||
| TOTAAL ACTIVA | 3.554,7 | 3.493,2 | ||
| Geplaatst kapitaal en reserves die aan houders van eigen-vermogensinstrumenten toerekenbaar zijn |
1.723,6 | 1.677,4 | ||
| Belangen zonder zeggenschap | 1,6 | 1,8 | ||
| Eigen vermogen | 1.725,2 | 1.679,2 | ||
| Verplichtingen uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | 20 | 27,2 | 57,9 | |
| Overige voorzieningen | 29 | 26,3 | 25,6 | |
| Leningen | 30/31 | 693,0 | 801,2 | |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 14,1 | 6,9 | |
| Verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap | 32 | 89,0 | 134,1 | |
| Andere schulden | 33 | 19,0 | 15,1 | |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 21 | 38,4 | 42,7 | |
| Langlopende verplichtingen | 907,0 | 1.083,5 | ||
| Voorzieningen | 29 | 3,5 | 6,5 | |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | 0,1 | 0,1 | |
| Leningen | 30/31 | 330,0 | 109,2 | |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 1,3 | 2,1 | |
| Actuele belastingverplichtingen | 25 | 18,0 | 22,8 | |
| Handelsschulden en overige te betalen posten | 34 | 569,6 | 589,8 | |
| Kortlopende verplichtingen | 922,5 | 730,5 | ||
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 3.554,7 | 3.493,2 |
| Geplaatst kapitaal en reserves die aan houders van eigen-vermogensinstrumenten toerekenbaar zijn |
||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Gewoon aandelen- kapitaal |
Uitgifte- premies |
Eigen aan- delen |
Reserve voor op aandelen gebaseerde betalingen |
Hedging reserve |
Over- gedra gen resultaat |
Actuariële winsten en verliezen |
Belas- tingen |
Cumu- latieve omreke- nings- verschillen |
Totaal groeps- aandeel |
Belangen zonder zeggen- schap |
Eigen ver- mogen |
| Op 31 december 2011 (gepubliceerd) |
160,0 | 24,4 | -15,6 | 7,0 | 20,9 1.415,2 | -89,4 | 24,7 | -16,7 | 1.530,5 | 1,6 | 1.532,1 | |
| Aanpassing (1) | - | - | - | - | - | - | 0,3 | -0,1 | - | 0,2 | - | 0,2 |
| Op 1 januari 2012 (1) | 160,0 | 24,4 | -15,6 | 7,0 | 20,9 1.415,2 | -89,1 | 24,6 | -16,7 | 1.530,7 | 1,6 | 1.532,3 | |
| Eigen aandelen | - | - | -6,8 | - | - | - | - | - | - | -6,8 | - | -6,8 |
| Dividend 2011 betaald in 2012 |
- | - | - | - | - | -44,1 | - | - | - | -44,1 | - | -44,1 |
| Verkoopopties behandeling - verandering van de periode |
- | - | - | - | - | - | - | - | - | - | -5,2 | -5,2 |
| Overige wijzigingen | - | - | - | 1,8 | -20,3 | 8,4 | 9,3 | -5,2 | 8,0 | 2,0 | - | 2,0 |
| Totaal van de gerealiseerde- en niet gerealiseerde resultaten |
- | - | - | - | -1,1 | 190,1 | 13,8 | -3,0 | -4,2 | 195,6 | 5,4 | 201,0 |
| Op 1 januari 2013 (1) | 160,0 | 24,4 | -22,4 | 8,8 | -0,5 1.569,6 | -66,0 | 16,4 | -12,9 | 1.677,4 | 1,8 | 1.679,2 | |
| Eigen aandelen | - | - | -0,9 | - | - | - | - | - | - | -0,9 | - | -0,9 |
| Dividend 2012 betaald in 2013 |
- | - | - | - | - | -44,0 | - | - | - | -44,0 | -1,5 | -45,5 |
| Verkoopopties behandeling - verandering van de periode |
- | - | - | - | - | - | - | - | - | - | -1,3 | -1,3 |
| Overige wijzigingen | - | - | - | 1,6 | - | - | - | - | - | 1,6 | - | 1,6 |
| Totaal van de gerealiseerde- en niet- gerealiseerde resultaten |
- | - | - | - | 0,6 | 114,0 | 2,4 | -2,2 | -25,3 | 89,5 | 2,6 | 92,1 |
| Op 31 december 2013 | 160,0 | 24,4 | -23,3 | 10,4 | 0,1 1.639,6 | -63,6 | 14,2 | -38,2 | 1.723,6 | 1,6 | 1.725,2 |
| in miljoen EUR | Toelichting | 2013 | 2012 (1) |
|---|---|---|---|
| Kasstroom uit de voortgezette bedrijfsactiviteiten | |||
| Bedrijfsresultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 199,9 | 281,5 | |
| Afschrijvingen van overige vaste elementen | 5 | 91,7 | 91,8 |
| Afschrijvingen van overige immateriële vaste activa | 5 | 33,9 | 26,9 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill en overige vaste activa | 9 | - | 11,6 |
| Overige niet-geldelijke posten | 9 | 13,1 | -68,2 |
| Pensioenverplichtingen | -8,4 | -10,3 | |
| Overige geldelijke posten | -10,3 | - | |
| Wijziging in de behoefte aan bedrijfskapitaal | 4,9 | 42,5 | |
| Kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | 324,8 | 375,8 | |
| Betaalde belastingen | -41,6 | -44,8 | |
| Netto kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | 283,2 | 331,0 | |
| Kasstroom uit de voortgezette investeringsactiviteiten | |||
| Aanschaffi ngen van materiële vaste activa | -110,8 | -123,9 | |
| Verkopen van materiële vaste activa | 4,7 | 4,6 | |
| Netto investering in immateriële en materiële vaste activa | -106,1 | -119,3 | |
| Verwerving van dochterondernemingen (netto van verworven geldmiddelen) | 9/12 | -60,3 | -38,9 |
| Inbreng van dochteronderneming (netto van vervreemde geldmiddelen) in joint venture | 9 | - | 19,5 |
| Investering in ten einde looptijd aangehouden fi nanciële activa | 14 | -86,4 | -211,7 |
| Netto investering in overige fi nanciële activa | 9 | -1,0 | 79,6 |
| Netto kasstroom uit de investeringsactiviteiten | -253,8 | -270,8 | |
| Kasstroom uit de voortgezette fi nancieringsactiviteiten | |||
| Verwerving van belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap | 9 | -35,7 | - |
| Netto vervreemding/(aanschaffi ng) van eigen aandelen | -0,9 | -6,8 | |
| Terugbetaling van fi nanciële leases verplichtingen | -24,0 | -21,7 | |
| Netto verandering in andere leningen | 135,8 | 2,2 | |
| Netto betaalde interesten | -37,1 | -53,1 | |
| Door de moedermaatschappij betaalde dividenden | 28 | -44,0 | -44,1 |
| Dividenden ontvangen van / (betaald door) dochterondernemingen | -1,5 | - | |
| Netto kasstroom uit de fi nancieringsactiviteiten | -7,4 | -123,5 | |
| TOTALE KASSTROOM VAN DE PERIODE | 22,0 | -63,3 | |
| Reconciliatie met de balans | |||
| Geldmiddelen aan het begin van het boekjaar | 27 | 131,7 | 111,0 |
| Kasequivalenten aan het begin van het boekjaar | 27 | 50,0 | 139,0 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van het boekjaar | 27 | 181,7 | 250,0 |
| Totale kasstroom van de periode | 22,0 | -63,3 | |
| Omrekeningsverschillen | -4,1 | -5,0 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het einde van het boekjaar | 199,6 | 181,7 | |
| Inbegrepen in "Geldmiddelen en kasequivalenten" | 27 | 199,6 | 181,7 |
s.a. D'Ieteren n.v. (genoemd in het jaarverslag de "Vennootschap" of de "moedermaatschappij") is in België als naamloze vennootschap erkend, waarvan de voornaamste aandeelhouders in toelichting 28 van dit jaarverslag worden opgesomd. Het adres van de zetel van de Vennootschap is:
Maliestraat 50
B-1050 Brussel
De Vennootschap en haar dochterondernemingen (samen "de groep") vormen een internationale groep, actief in sectoren ten dienste van de automobilist:
De groep opereert in ongeveer 35 landen en staat ten dienste van meer dan 12 miljoen klanten.
De Vennootschap is op Euronext Brussel genoteerd.
De geconsolideerde jaarrekening werd goedgekeurd voor publicatie door de Raad van bestuur op 26 februari 2014.
De geconsolideerde jaarrekening voor 2013 dekt de periode van 12 maanden afgesloten op 31 december 2013. Ze is opgesteld volgens de "International Financial Reporting Standards" ("IFRS") en de bijhorende "International Financial Reporting Interpretations Committee" ("IFRIC") interpretaties gepubliceerd en effectief, die werden goedgekeurd door de Europese Unie ("EU").
De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld overeenkomstig het principe van de historische kost, behalve voor de voor verkoop beschikbare financiële activa, geldmarkt activa weergegeven als geldmiddelen en kasequivalenten en financiële activa en passiva (inclusief derivaten) die tegen reële waarde werden gewaardeerd.
De geconsolideerde jaarrekening wordt voorbereid op basis van het toerekeningsbeginsel, en op basis van de voortzetting van de bedrijfsactiviteiten in een voorzienbare horizon.
De voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening vergt, van de directie, de opstelling van ramingen en het gebruik van hypothesen die het bedrag van de opbrengsten, de uitgaven, de activa en de passiva, alsook de latente activa en passiva, op balansdatum beïnvloeden. Indien dergelijke ramingen of hypothesen die op het ogenblik gebaseerd zijn op het beste oordeel van het management, veranderd zouden moeten worden om nieuwe omstandigheden te weerspiegelen, zullen de gevolgen van die wijzigingen in rekening worden genomen tijdens het boekjaar waarin de omstandigheden zich voordoen. De domeinen die een hoog beoordelingsniveau van de directie vergen of die bijzonder ingewikkeld zijn, alsook de domeinen waarvoor de ramingen en hypothesen belangrijke gevolgen zouden kunnen hebben op de geconsolideerde jaarrekening, worden in voorkomende gevallen in de toelichtingen vermeld.
In maart 2013 heeft de moedermaatschappij aangekondigd dat het zijn deelneming in het kapitaal van Belron had verhoogd tot 94,85 %, hetzij een stijging van 2,12 % ingevolge de uitoefening van de put-optie door een senior niet-uitvoerend lid van de oprichtersfamilie van Belron, in overeenstemming met de aandeelhoudersovereenkomsten, voor een bedrag van ongeveer EUR 39 miljoen. Rekening houdend daarmee verschilde het voor de consolidatie van de winst- en verliesrekening van Belron gebruikte gemiddelde percentage van het percentage op 31 december 2013. Het bedroeg 94,79% (92,73% op 31 december 2012). Zie toelichting 32 voor bijkomende informatie.
De belangrijkste grondslagen voor de financiële verslaggeving toegepast in de voorbereiding van deze geconsolideerde jaarrekening worden hieronder beschreven. Die grondslagen werden op constante wijze toegepast op alle voorgestelde periodes, tenzij anders aangegeven.
De nieuwe normen, wijzigingen en interpretaties, die voor de eerste keer verplicht toepasbaar zijn op het boekjaar dat op 1 januari 2013 begonnen is, hebben geen belangrijke invloed op de geconsolideerde financiële staten van de groep, met uitzondering van de wijzigingen van IAS 1 "Presentatie van de jaarrekening – Presentatie van de andere elementen van het totaalresultaat" en van IAS 19 "Personeelsbeloningen", alsook de toepassing van IFRS 13 "Waardering van de reële waarde". De aard en impact van die twee wijzigingen en nieuwe norm worden hieronder beschreven.
De groep heeft ook de wijzigingen van IAS 36 "Bijzondere waardevermindering van activa", toepasbaar voor boekjaren die op of na 1 januari 2014 beginnen, vervroegd aangewend. De IASB heeft belangrijke aanpassingen gemaakt aan de informatieverschaffingsverplichtingen van IAS 36 wanneer ze IFRS 13 "Waardering van de reële waarde" heeft gepubliceerd. Een van de aanpassingen had een grotere impact dan eerder van plan was. Deze beperkte aanpassingen zetten dit recht en voeren bijkomende informatieverschaffing over reële waarde waardering in in geval van bijzonder waardeverminderingsverlies.
Die wijziging van IAS 1 stelt een groepering voor de presentatie van de andere elementen van het totaalresultaat voor (zie Geconsolideerd overzicht van de gerealiseerde- en niet-gerealiseerde resultaten). Elementen die naar de winst- en verliesrekening zouden kunnen geclassificeerd (of overgeboekt) worden in de toekomst (bvb. netto winst op afdekking van netto investering, omrekeningsverschillen bij de omzetting van buitenlandse activiteiten, netto verandering van kasstroomafdekkingen en netto winst of verlies op de voor verkoop beschikbare financiële activa) worden nu gepresenteerd apart van de elementen die nooit geclassificeerd zullen worden (bvb. actuariële winsten of verliezen op toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding). Die wijziging betrof alleen de presentatie en had geen impact op de financiële positie van de groep of zijn prestatie. Die wijziging werd retrospectief toepasbaar op 1 januari 2012; het comparatieve overzicht van de gerealiseerde- en niet-gerealiseerde resultaten werd vervolgens herzien.
Die wijziging van IAS 19 had een impact op de netto activa of verplichtingen van toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding naar aanleiding van het boekingsverschil van interesten op de fondsbeleggingen. De netto interestkost of -opbrengst wordt nu berekend door de disconteringsvoet toe te passen op het netto tekort of overschot van de regelingen. Dit vervangt de financiële kost berekend op de brutoverplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten en het verwachte rendement op de fondsbeleggingen. De presentatie van de winst- en verliesrekening werd ook herzien, met presentatie van de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten van de periode in het courante bedrijfsresultaat en van de netto financiële kost of opbrengst in courante netto financieringskosten. Die wijziging werd retrospectief toepasbaar op 1 januari 2012; de comparatieve bedragen werden vervolgens herzien.
De impact van die aanpassing op de geconsolideerde balans per 31 december 2012 is een vermindering van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegde pensioenrechten van EUR 0,1 miljoen, van de gerelateerde uitgestelde belastingvorderingen met EUR 0,1 miljoen en van de gerelateerde uitgestelde belastingverplichtingen van EUR 0,1 miljoen met een netto vermeerdering van het kapitaal en de reserves toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij van EUR 0,1 miljoen. In de geconsolideerde winst- en verliesrekening voor de 12 maanden tot 31 december 2012 was de netto impact op het resultaat van de periode een vermindering van EUR 2,4 miljoen, zijnde een vermindering van de kosten van verkopen (personeelskosten) van EUR 0,2 miljoen, een vermeerdering van de commerciële en administratieve kosten (personeelskosten) van EUR 2,6 miljoen, een vermeerdering van de netto financieringskosten van EUR 0,6 miljoen en een vermindering van de belastingen met EUR 0,6 miljoen. De impact op het resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij was een vermindering van EUR 2,2 miljoen. In het geconsolideerde overzicht van gerealiseerde- en niet-gerealiseerde resultaten was de impact op de niet-gerealiseerde resultaten een vermeerdering van EUR 2,8 miljoen van de actuariële veranderingen en een vermeerdering van de belastingen op die veranderingen van EUR 0,5 miljoen. Het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor de 12 maanden tot 31 december 2012 werd vervolgens herzien om de niet-geldelijke vermindering in bedrijfsresultaat en de niet-geldelijke verandering van de pensioenverplichtingen te weerspiegelen. Die aanpassing betreft beide segmenten (zie toelichting 3.1 voor segmentatie criteria). De impact van die aanpassing op de geconsolideerde balans op 1 januari 2012 is een netto vermeerdering van het kapitaal en de reserves toerekenbaar aan houders van vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij met EUR 0,2 miljoen, met een vermindering van de actuariële veranderingen, netto van belastingen, met EUR 0,2 miljoen.
Die nieuwe norm breidt het gebruik van de boekhouding tegen reële waarde niet uit maar verduidelijkt de reële waarde waarderingsmethodologie vereist of toegestaan door andere IFRS normen. Voorgestelde reële waarden weerspiegelen de prijs die verkregen zou worden voor de verkoop van een actief of die betaald zou worden voor de transfer van een passief in een goed geordende transactie op de balansdatum. Zie toelichting 19 voor de impact van die invoering. In overeenstemming met de overgangsbepalingen van IFRS 13 werd geen comparatieve informatie gegeven over dit subject.
Met uitzondering van de vervroegde toepassing van de aangepaste IAS36-norm (zie hierboven), werden alle overige normen, wijzigingen en interpretaties van bestaande normen die werden gepubliceerd door de IASB en die niet toepasbaar zijn in 2013, niet vervroegd aangewend door de groep. De groep bepaalt momenteel wat de gevolgen van de invoering van de hierboven vermelde normen, interpretaties en wijzigingen zouden kunnen zijn. Er worden geen betekenisvolle gevolgen verwacht.
Dochterondernemingen, dit zijn bedrijfseenheden waarin de groep rechtstreeks of onrechtstreeks een belang van meer dan de helft van de stemrechten heeft of anderzijds de macht heeft om het financiële en operationele beleid van een entiteit te sturen, worden geconsolideerd. De dochterondernemingen worden geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle wordt overgedragen aan de groep en worden niet langer geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle ophoudt. Alle intragroep transacties en -saldi, inclusief niet-gerealiseerde winsten op intragroep transacties, worden geëlimineerd in de consolidatie.
Transacties met aandeelhouders zonder zeggenschap die niet tot een verlies van zeggenschap leiden, worden verwerkt als eigenvermogenstransacties. Het verschil tussen de reële waarde van de betaalde vergoeding en het verworven aandeel in de boekwaarde van het netto activa van de dochteronderneming wordt in het eigen vermogen verwerkt. Winsten en verliezen uit de verkoop aan aandeelhouders zonder zeggenschap (die niet tot een verlies van zeggenschap leiden) worden ook in het eigen vermogen geboekt.
Wanneer de zeggenschap van de groep over de dochteronderneming eindigt, wordt elke in de voormalige dochteronderneming aangehouden investering tegen reële waarde gewaardeerd op de datum waarop ze de zeggenschap verliest, met erkenning van de verandering in de boekwaarde opgenomen in de winst- en verliesrekening. Die reële waarde is de aanvangsboekwaarde voor de boeking van de behouden investering als een geassocieerde deelneming, joint venture of financiële activa. Bovendien worden alle op voorhand erkende bedragen in de niet-gerealiseerde resultaten overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
Geassocieerde ondernemingen zijn entiteiten waarop de groep een invloed van betekenis heeft maar geen zeggenschap, meestal met een aandeelhouderschap tussen 20% en 50% van de stemrechten. Voor investeringen in geassocieerde ondernemingen wordt de "equity"-methode toegepast. Ze worden aanvankelijk tegen kostprijs opgenomen en de boekwaarde wordt vermeerderd of verminderd om het aandeel van de investeerder in de winst- en verliesrekening van de deelneming na de verwervingsdatum te erkennen. De deelneming van de groep in geassocieerde ondernemingen omvat de goodwill erkend bij de overname.
Het groepsaandeel in het resultaat van de geassocieerde onderneming is gelijk aan het groepsaandeel in het resultaat na belastingen van die onderneming. Winsten en verliezen voortvloeiend uit de transacties tussen de groep en zijn geassocieerde onderneming worden geëlimineerd a rato van het belang van de groep in die onderneming. Niet-gerealiseerde winsten op transacties tussen de groep en haar geassocieerde ondernemingen worden volgens hetzelfde principe geëlimineerd; niet-gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd tenzij de transactie op een waardeverminderingsverlies van het overgedragen actief wijst.
De "equity"-methode wordt niet meer toegepast wanneer de boekwaarde van de deelneming in een geassocieerde onderneming nul wordt, tenzij de groep verplichtingen is aangegaan of gegarandeerd heeft met betrekking tot de geassocieerde onderneming.
Op belangen in joint ventures wordt de "equity"-methode toegepast. De bovenvermelde principes in verband met geassocieerde ondernemingen zijn eveneens van toepassing op joint ventures.
De groep bepaalt op elke rapporteringsdatum indien er een objectieve indicatie bestaat dat de waarde van de investering in de entiteiten verwerkt volgens de equity-methode verminderd is. In dit geval berekent de groep het waardeverminderingsverlies als het verschil tussen de realiseerbare waarde van de geassocieerde onderneming of joint venture en zijn boekwaarde en erkent het bekomende bedrag op de lijn "aandeel in de winst/het verlies van een geassocieerde onderneming/joint venture" in de winst- en verliesrekening.
De consolidatie van de groep wordt opgemaakt in euro. De winst- en verliesrekeningen van buitenlandse entiteiten worden omgerekend naar euro tegen de gewogen gemiddelde wisselkoersen voor de periode en de balansen worden omgerekend in euro tegen de wisselkoersen die gelden op de balansdatum. De goodwill en de aanpassingen aan de reële waarde bij overname van een buitenlandse entiteit worden behandeld als activa en passiva uitgedrukt in de valuta van de buitenlandse entiteit en worden omgerekend tegen de slotwisselkoers.
Transacties in vreemde valuta worden geboekt tegen de wisselkoers die geldt op de datum van de transactie. Winsten en verliezen die resulteren uit de vereffening van dergelijke transacties en uit de omrekening van in deviezen uitgedrukte monetaire activa en passiva worden geboekt in de winst- en verliesrekening. Wisselkoersverschillen voortvloeiend uit de omrekening tegen de slotkoersen van de netto investering van de groep in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, worden opgenomen in omrekeningsverschillen in de niet-gerealiseerde resultaten. De netto investering van de groep bevat het aandeel van de groep in de netto activa van dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, en bepaalde intragroep leningen. De definitie van de netto investering houdt rekening met de leningen tussen dochterondernemingen en bepaalde in vreemde valuta luidende intragroepelementen. Overige wisselkoersverschillen worden geboekt in de winst- en verliesrekening.
Waar de groep netto investeringen in buitenlandse entiteiten dekt, worden de winsten en verliezen ivm het effectieve deel van het dekkingsinstrument opgenomen in omrekeningsverschillen in de niet-gerealiseerde resultaten. De winst of het verlies ivm ineffectieve delen wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. Cumulatieve winsten en verliezen in de niet-gerealiseerde resultaten worden opgenomen in de winst- en verliesrekening wanneer de buitenlandse entiteit wordt verkocht.
Bedrijfscombinaties worden verwerkt door de overnamemethode ("acquisition method") toe te passen op de overname-datum, zijnde de datum waarop zeggenschap aan de groep wordt overgedragen. Zeggenschap is de macht om het financiële en operationele beleid van een entiteit te sturen teneinde voordelen te verkrijgen uit haar activiteiten.
De overnamekost wordt gewaardeerd tegen het totaal van de overgedragen vergoeding, die tegen de reële waarde op de overname-datum wordt gewaardeerd, en het bedrag van enig minderheidsbelang en het op voorhand behouden belang in de overgenomen partij. Voor elke bedrijfscombinatie waardeert de groep enig minderheidsbelang in de overgenomen partij tegen reële waarde of tegen het evenredige deel in de identificeerbare netto-activa van de overgenomen partij. Het overschot van het totaal van de overgedragen vergoedingen en het bedrag dat als enig minderheidsbelang wordt opgenomen in het netto erkende bedrag (meestal tegen reële waarde) van de verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen vormt een goodwill en wordt als een actief opgenomen. Indien het overschot negatief is, wordt het onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Na de eerste opname wordt goodwill gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met eventuele gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Elke betaalbare voorwaardelijke verplichting wordt tegen reële waarde geboekt op de overname-datum. Als de voorwaardelijke vergoeding als eigen vermogen wordt beschouwd, wordt het niet geherwaardeerd en de afwikkeling ervan wordt verwerkt in het eigen vermogen. Indien dat niet het geval is, worden latere veranderingen in de rëele waarde van de voorwaardelijke vergoeding in de winst- en verliesrekening opgenomen. De overnamekosten worden als lasten verwerkt.
Voor het testen op bijzondere waardeverminderingsverliezen wordt de goodwill uit een bedrijfscombinatie verdeeld over elke kasstroomgenererende eenheid of groep eenheden waarvan verwacht wordt dat ze voordeel zal halen uit de synergiën voortvloeiend uit die combinatie. Elke eenheid of groep eenheden waarover de goodwill wordt verdeeld, vertegenwoordigt het laagste niveau binnen de entiteit waarop toezicht wordt gehouden over de goodwill met interne managementdoeleinden. Goodwill wordt bekeken op het niveau van het operationele segment voor bedrijfscombinaties en transacties gemaakt door de moedermaatschappij, en op het niveau van het land voor bedrijfscombinaties doorgevoerd door Belron s.a. en zijn dochterondernemingen.
Onderzoeken naar bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill worden jaarlijks ondernomen, of vaker indien evenementen of veranderingen in omstandigheden een potentieel waardeverminderingsverlies aanwijzen. De boekwaarde van de goodwill wordt vergeleken met de realiseerbare waarde, zijnde de hoogste waarde van de bedrijfswaarde en de reële waarde minus de verkoopkosten. Elk waardeverminderingsverlies wordt onmiddellijk als kost geboekt en wordt vervolgens niet meer teruggenomen.
Een immaterieel vast actief wordt geboekt tegen kostprijs verminderd met de eventuele gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Klantencontracten en merken uit een bedrijfscombinatie worden tegen reële waarde geboekt op de overname-datum.
De kosten voor de ontwikkeling of de instandhouding van computersoftwares worden gewoonlijk in het resultaat opgenomen in de periode waarin ze worden gemaakt. De kosten direct verbonden met bepaalde en unieke computersoftwares, die door de groep gecontroleerd worden, en waarvan de waarschijnlijke toekomstige economische opbrengsten hoger zijn dan de kosten over een periode van meer dan één jaar, worden echter als immateriële vaste activa erkend.
De immateriële activa met een beperkte gebruiksduur worden meestal lineair afgeschreven over hun gebruiksduur. De geraamde gebruiksduren liggen tussen 2 en 10 jaar.
Merken waarvoor een limiet bestaat aan de periode waarin die activa verondersteld worden positieve kasstromen te zullen generen zullen lineair worden afgeschreven over hun resterende gebruiksduur, die geschat wordt op maximum 3 jaar.
De merken CARGLASS ® en AUTOGLASS ® , aangeschaft in 1999, alsook SAFELITE ® AUTO GLASS aangeschaft in 2007, hebben onbepaalde gebruiksduren, aangezien er geen voorzienbare limiet bestaat aan de periode waarin die activa verondersteld worden positieve kasstromen te zullen genereren voor de groep dankzij de marketinguitgaven en de gemaakte reclame. Ze worden derhalve niet afgeschreven maar worden jaarlijks getest op bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Voor om het even welk immaterieel actief met een beperkte of onbepaalde gebruiksduur, waarvoor er een indicatie van waardevermindering bestaat, wordt zijn boekwaarde geëvalueerd en, desnoods, onmiddellijk teruggebracht tot zijn realiseerbare waarde.
Uitgaven voor intern ontwikkelde immateriële activa worden als kost opgenomen in de geconsolideerde winst- en verliesrekening wanneer ze ontstaan.
Latere uitgaven op gekapitaliseerde immateriële activa worden alleen gekapitaliseerd indien ze de toekomstige economische winsten ingesloten in dat specifiek actief vermeerderen. Alle andere uitgaven worden als kost opgenomen wanneer ze ontstaan.
Uitgaven voor onderzoek (of voor de onderzoeksfase van een intern project) worden als last opgenomen op het moment dat ze ontstaan. Een immaterieel actief dat voortvloeit uit de ontwikkeling (of uit de ontwikkelingsfase van een intern project) wordt alleen opgenomen als en slechts als alle navolgende punten aangetoond kunnen worden:
Een materieel vast actief wordt bij opname tegen kostprijs gewaardeerd. De kostprijs van een materieel vast actief omvat de aankoopprijs (met inbegrip van invoerrechten en niet-restitueerbare omzetbelasting, na aftrek van handels- en andere kortingen), alsook alle rechtstreeks toerekenbare kosten om het actief op de locatie en in de staat te krijgen die noodzakelijk is om te functioneren. De eerste schatting van de kosten van ontmanteling en verwijdering van het actief, en van het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt wordt, indien toepasbaar, ook opgenomen in de kost van het actief. Na de opname als actief, wordt een materieel vast actief gewaardeerd tegen zijn kostprijs, verminderd met eventuele cumulatieve afschrijvingen en eventuele cumulatieve bijzondere waardeverminderingsverliezen. Het af te schrijven bedrag van een actief wordt lineair verdeeld over de gebruiksduur.
De voornaamste afschrijvingsperiodes zijn de volgende:
De restwaarden en gebruiksduren van de activa worden herzien, en desnoods aangepast, op het einde van elke periode.
Als de boekwaarde van een materieel vast actief groter is dan de geschatte realiseerbare waarde van het actief, wordt die onmiddellijk teruggebracht tot zijn realiseerbare waarde.
Latere kosten zijn in de boekwaarde van het actief begrepen of worden als een apart actief erkend, zoals vereist, alleen wanneer het waarschijnlijk is dat de economische voordelen met betrekking tot die elementen naar de groep zullen vloeien en hun kost op betrouwbare wijze wordt gewaardeerd. De boekwaarde van het vervangen deel wordt teruggeboekt. Alle andere herstellings- en onderhoudskosten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen wanneer ze worden uitgegeven.
Activa die worden verhuurd krachtens een operationele lease en waarvan de meeste wezenlijke risico's en voordelen van eigendom door de lessor worden behouden (met uitzondering van de voertuigen verkocht met een "buy-back" overeenkomst), worden in de balans opgenomen onder materiële vaste activa. Zij worden afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur. De huurinkomsten worden lineair geboekt over de leasingtermijn.
Leasebetalingen onder een operationele lease worden lineair als lasten opgenomen in de winst- en verliesrekening over de leaseperiode.
Lease-overeenkomsten betreffende materiële vaste activa waarbij de groep alle wezenlijke risico's en voordelen van de eigendom heeft overgedragen, worden als "financiële leases" beschouwd. Financiële leases worden in de balans opgenomen tegen bedragen die op het tijdstip van het aangaan van de leaseovereenkomst gelijk zijn aan de reële waarde van de geleasde eigendom of, indien ze lager zijn, aan de contante waarde van de minimale leasebetalingen. Leasebetalingen moeten worden verdeeld tussen de financieringskosten en de uitstaande verplichting zodat zij resulteren in een constante periodieke rentevoet op het resterende saldo van de verplichting voor elke periode. De uitstaande verplichtingen, exclusief financieringskosten, worden opgenomen onder de leningen. Het interestdeel van de financiële kosten wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening over de leaseperiode.
De geleasde activa worden afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur volgens afschrijvingsgrondslagen die ook worden gebruikt voor andere activa in eigendom. Indien het niet redelijk zeker is dat de groep tegen het einde van de leaseperiode het eigendom zal verkrijgen, wordt het actief volledig afgeschreven over de leaseperiode of over de gebruiksduur, indien deze korter is.
Voertuigen verkocht met een "buy-back" overeenkomst worden geboekt als operationele leases (met de groep als lessor) en worden opgenomen onder de voorraden in de balans. Het verschil tussen de verkoopprijs en de terugkoopwaarde ("buy-back" verbintenis) wordt geboekt als uitgestelde opbrengst, terwijl de terugkoopwaarde onder de leveranciers wordt geboekt. De uitgestelde opbrengst wordt linair over hun bezitperiode opgenomen in opbrengsten.
Voertuigen gekocht met een "buy-back" overeenkomst worden niet als actief erkend aangezien die transacties als operationele leases worden geboekt (met de groep als lessee). Het verschil tussen de aankoopprijs en de terugkoopwaarde (terugkoopobligatie door de leverancier) wordt geboekt als uitgestelde last, terwijl een handelsvordering wordt erkend voor de verkoopprijs. De opgelopen kost wordt lineair over hun bezitperiode opgenomen in de kosten van verkopen.
Vastgoedbeleggingen worden gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Voorraden moeten worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van de kostprijs of de opbrengstwaarde. De kostprijs van voorraden omvat alle inkoopkosten, conversiekosten en andere kosten die voortvloeien uit het transport van de voorraden naar hun huidige locatie en de verwerking van de voorraden tot hun huidige toestand. De kostprijs van voorraadbestanddelen die niet onderling uitwisselbaar zijn, zoals nieuwe voertuigen of occasievoertuigen, wordt toegerekend door hun afzonderlijke kostprijzen specifiek te bepalen. De kostprijs van de andere voorradenbestanddelen wordt toegerekend via de FIFO-formule (eerst in, eerst uit) of de formule van de gewogen gemiddelde kostprijs. Als voorraden worden gebruikt, wordt de boekwaarde van deze voorraden opgenomen als last in de periode waarin de daarmee verband houdende opbrengsten worden opgenomen. Het bedrag van alle waardeverminderingen op voorraden tot de opbrengstwaarde en alle verliezen van voorraden wordt opgenomen als last in de periode waarin de waardevermindering of het verlies plaatsvindt. Het bedrag van elke terugboeking van elke waardevermindering van voorraden, wordt opgenomen als een verlaging van de voorraadwaarde die wordt opgenomen als last in de periode waarin de terugboeking plaatsvindt.
Geldmiddelen omvatten contanten en direct opvraagbare deposito's. Kasequivalenten zijn kortlopende (maximum 3 maanden), uiterst liquide beleggingen die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen, waarvan het bedrag gekend is en die geen materieel risico van waardeverandering in zich dragen.
Gewone aandelen worden als eigen vermogen geclassificeerd. Bijkomende kosten rechtstreeks toegeschreven aan de uitgifte van gewone aandelen en aandelenopties worden in vermindering van het eigen vermogen gebracht, netto van eender welke belasting(en).
Wanneer de groep (of zijn dochterondernemingen) zijn eigen-vermogensinstrumenten terugkoopt, worden die instrumenten uit het eigen vermogen afgetrokken als eigen aandelen. Wanneer zulke eigen-vermogensinstrumenten in het vervolg verkocht worden, wordt elke vergoeding in eigen vermogen erkend.
De dividenden die voorgesteld of aangekondigd zijn na balansdatum aan de houders van eigen-vermogensinstrumenten worden niet als schuld erkend op de balansdatum; ze worden opgenomen in het eigen vermogen.
Een voorziening wordt opgenomen indien:
Indien deze voorwaarden niet vervuld zijn, wordt er geen voorziening opgenomen.
Binnen de groep bestaan verscheidene pensioenplannen met vaste bijdragen en vaste vergoedingen. Deze pensioenplannen worden meestal gedekt door pensioenfondsen of -verzekeringen. Het minimale actief waarover deze pensioenfondsen of -verzekeringen moeten beschikken wordt door de nationale wetgevingen bepaald.
De betalingen voor toegezegd-pensioenregelingen inzake bijdragen na uitdiensttredingworden als last opgenomen op het moment dat ze verschuldigd zijn.
De verplichtingen van de groep betreffende toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding , alsook de kosten die eruit voortvloeien, worden gewaardeerd overeenkomstig de "projected unit credit"-methode, met op zijn minst op jaarbasis, de uitvoering van de waarderingen door zelfstandige actuarissen. De contante waarde van de toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding wordt bepaald door de geschatte toekomstige kasstromen te verdisconteren tegen interestvoeten van hoogkwaliteitscorporateobligaties in dezelfde valuta als degene van de toekomstige uitbetalingen en met bijna dezelfde termijn als de onderliggende vergoeding na uitdiensttreding. In landen waar er geen diepe markt bestaat voor zulke obligaties worden de interestvoeten op regeringsobligaties gebruikt. De actuariële winsten en verliezen worden volledig geboekt in de periode waarin ze worden vastgesteld. Ze worden geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. De kost van de geleverde diensten wordt onmiddellijk geboekt.
De verplichtingen betreffende de langetermijnpersoneelsbeloningen opgenomen in de balans vertegenwoordigen de contante waarde van de toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding, na aftrek van de reële waarde van de activa van die regelingen. Indien het resultaat van die berekening op een actief uitkomt, wordt het geboekt in de mate van de contante waarde van elke economische beloning, onder de vorm van een te ontvangen terugbetaling van die regelingen, of van een vermindering van de toekomstige bijdragen die moeten betaald worden aan die regelingen.
Ontslagvergoedingen zijn personeelsbeloningen die verschuldigd zijn als gevolg van de beslissing van een entiteit om het dienstverband van een werknemer te beëindigen vóór de normale pensioendatum; of als gevolg van de beslissing van een werknemer om in ruil voor deze vergoeding vrijwillig ontslag te nemen. Een entiteit moet ontslagvergoedingen opnemen als de entiteit zich aantoonbaar heeft verbonden tot de beëindiging van een dienstverband wanneer zij beschikt over een gedetailleerd formeel plan voor de beëindiging en er geen realistische mogelijkheid bestaat voor de intrekking van het plan.
De groep boekt een voorziening voor langetermijn stimulansen indien er een contractuele verplichting bestaat of als er een feitelijke verplichting bestaat voortvloeiend uit een vroegere praktijk.
De groep deelt zijn financiële activa in de volgende categorieën: in financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening, leningen en vorderingen en voor verkoop beschikbare financiële activa. De classificatie hangt af van het doel bij de aanschaf van die financiële activa. Het management bepaalt die classificatie bij de eerste opname.
Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening zijn voor handelsdoeleinden aangehouden financiële activa. Een financieel actief wordt in die categorie geclassificeerd indien het aangeschaft wordt voor verkoop op korte termijn. Derivaten worden eveneens geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden tenzij ze als afdekking dienen. Activa in die categorie worden als vlottende activa gepresenteerd indien verwacht wordt dat ze binnen de 12 maanden afgewikkeld zullen worden; anders worden ze als vaste activa geclassificeerd.
Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële activa met specifieke of vast te leggen betalingen die niet genoteerd worden op een actieve markt. Ze worden opgenomen in vlottende activa, behalve degene die na meer dan twaalf maanden na het einde van de rapporteringsperiode vervallen. Die worden onder de vaste activa geclassificeerd. De leningen en vorderingen van de groep omvatten de "handelsvorderingen en overige vorderingen", "geldmiddelen en kasequivalenten" en "andere financiële activa" in de balans.
Voor verkoop beschikbare financiële activa zijn activa exclusief derivaten die ofwel tot die categorie worden aangewezen ofwel in geen andere categorie worden geclassificeerd. Ze worden opgenomen in vaste activa tenzij de investering vervalt of het management van plan is die te verkopen binnen de twaalf maanden na het einde van de rapporteringsperiode.
Waardering van financiële instrumenten:
Derivaten worden gebruikt ter dekking van de financiering en van de financiële risico's van de groep.
Door zijn activiteiten wordt de groep blootgesteld aan financiële risico's verbonden met wisselkoersverschillen en veranderingen in de rentevoeten. De groep gebruikt termijncontracten in vreemde valuta ("FX-contracten"), rentevoetswaps ("IRS"), "cross currency interestswaps" ("CCIRS") en opties om die risico's te dekken. Derivaten worden niet voor speculatieve doeleinden gebruikt door de groep. Bepaalde financiële transacties, alhoewel economisch effectieve afdekkingen, vervullen echter niet de voorwaarden van hedge accounting volgens de specifieke regels in IAS 39.
Derivaten worden bij hun ontstaan en daarna geboekt tegen reële waarde. Indien ze de voorwaarden van hedge accounting niet vervullen, worden deze derivaten geboekt als aangehouden voor handelsdoeleinden en vervolgens tegen hun reële waarde opgenomen. Veranderingen in de reële waarde van derivaten die de voorwaarden voor hedge accounting niet vervullen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening wanneer ze ontstaan.
Veranderingen in de reële waarde van derivaten die beschouwd worden als een afdekking van toekomstige kasstromen, en die effectief zijn, worden onmiddellijk opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten en elk niet-effectief ingedekt deel wordt direct opgenomen in de winst- en verliesrekening. Indien de kasstroomafdekking een vaststaande toezegging is of indien een verwachte onderliggende transactie tot de opname van een financieel actief of een financiële verplichting leidt, op het moment dat het actief of passief erkend wordt, dienen de verbonden winsten of verliezen die direct in de niet-gerealiseerde resultaten werden opgenomen te worden erkend samen met het actief of passief dat ze dekken. Voor afdekkingen waarvan het onderliggende element niet resulteert in de opname van een financieel actief of een financiële verplichting, worden de bedragen, voorheen opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, overgeboekt naar de winst- en verliesrekening in dezelfde periode waarin het onderliggende element invloed heeft op de winst of het verlies.
Voor de effectieve afdekking van een risico dat tot een verandering van de reële waarde leidt, wordt het afgedekte element aangepast voor veranderingen in de reële waarde toegekend aan het risico dat gedekt wordt, met een overeenkomstige boeking in de winsten verliesrekening. Winsten en verliezen voortvloeiend uit de herwaardering van het derivaat worden geboekt in de winst- en verliesrekening. Dezelfde behandeling is van toepassing op de afdekkingen die niet gebaseerd zijn op derivaten (zoals afdekkingen van netto investeringen door schulden).
Hedge accounting wordt gestaakt als het afdekkingsinstrument afloopt of wordt verkocht, beëindigd of uitgeoefend, of als het niet meer aan de voorwaarden voor hedge accounting voldoet. De cumulatieve winst of het cumulatieve verlies opgenomen in de nietgerealiseerde resultaten wordt overgeboekt naar de winst- en verliesrekening wanneer het afgedekte element een invloed heeft op de winst- en verliesrekening. Indien verwacht wordt dat de vooropgestelde transactie niet plaatsvindt wordt de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies direct overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
In het contract besloten derivaten die deel uitmaken van andere financiële instrumenten of andere basiscontracten worden afzonderlijk behandeld wanneer er geen nauwe banden bestaan tussen hun risico's en karakteristieken en de basiscontracten, en als de basiscontracten niet tegen reële waarde worden geboekt met niet-gerealiseerde winsten en verliezen opgenomen in de winst- en verliesrekening.
De groep is verplicht de belangen zonder zeggenschap in Belron in handen van derden over te nemen indien deze laatste hun verkoopopties wensen uit te oefenen. De uitoefenprijs van zulke opties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap wordt als financiële passiva in de geconsolideerde balans opgenomen. Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vóór 1 januari 2010, wordt de goodwill aangepast aan het einde van de periode om de veranderingen in de uitoefenprijs van de opties en de boekwaarde van de desbetreffende belangen zonder zeggenschap weer te geven.
Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vanaf 1 januari 2010, wordt bij de eerste boeking het verschil tussen de vergoeding en de uitoefenprijs van de toegestane opties in het eigen vermogen, groepsaandeel, opgenomen. Op het einde van elke periode zal de waardeaanpassing van de financiële passiva die resulteert uit deze opties in de geconsolideerde winst- en verliesrekening als waardeaanpassing in de netto financieringkosten worden opgenomen.
Vaste activa (of groepen activa die worden afgestoten) worden als activa aangehouden voor verkoop geclassificeerd indien de boekwaarde ervan hoofdzakelijk in een verkooptransactie zal worden gerealiseerd en de verkoop hoogst waarschijnlijk is. Ze worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van de boekwaarde en de reële waarde minus verkoopkosten.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van een entiteit die ofwel afgestoten is, ofwel geclassificeerd is als aangehouden voor verkoop, en wordt apart op een specifieke lijn gepresenteerd in de winst- en verliesrekening.
Opbrengsten uit de verkoop van goederenworden opgenomen indien aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan:
(a) de groep heeft de wezenlijke risico's en voordelen van eigendom van de goederen overgedragen aan de koper;
Indien het resultaat van een transactie waarbij diensten worden geleverdbetrouwbaar kan worden geschat, worden de opbrengsten met betrekking tot die diensten opgenomen a rato van de verrichte prestaties op de balansdatum.
Het resultaat van een transactie kan betrouwbaar worden geschat indien alle volgende voorwaarden zijn vervuld:
Renteopbrengstenworden op basis van tijdsevenredigheid opgenomen, rekening houdend met het effectieve rendement van het actief. Royalty'sworden volgens het toerekeningsbeginsel opgenomen in overeenstemming met de economische realiteit van de desbetreffende overeenkomst. Dividendenworden opgenomen op het moment dat de aandeelhouder het recht heeft verkregen om de betaling te ontvangen.
In de winst- en verliesrekening worden de verkoop van goederen, het verrichten van diensten en de royalty's opgenomen onder de titel "verkopen". Interestopbrengsten worden onder de titel "netto financieringskosten" gepresenteerd.
Op aandelen gebaseerde betalingen worden uitsluitend gerealiseerd in verband met aandelenoptieplannen ten voordele van het personeel.
Aandelenoptieplannen afgewikkeld in eigen-vermogensinstrumenten toegekend aan het personeel na 7 november 2002 worden overeenkomstig IFRS 2 geboekt, zodat hun kost in het resultaat opgenomen wordt over de overeenkomstige prestatieperiode. Aandelenoptieplannen afgewikkeld in geldmiddelen (toegekend aan het personeel vóór, op of na 7 november 2002) worden als schuld erkend en hun kost wordt in het resultaat opgenomen over de overeenkomstige wachtperiode.
Financieringskosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de verwerving, bouw of productie van een in aanmerking komend actief, worden geactiveerd als deel van de kostprijs van dat actief.
Overheidssubsidies voor de aankoop van vaste activa worden opgenomen als over te dragen ontvangsten en worden afgeschreven over de levensduur van de desbetreffende activa.
Over de verslagperiodeverschuldigde en verrekenbare belastingen voor lopende en voorgaande perioden worden, in zoverre ze nog niet zijn betaald, opgenomen als een verplichting. Als het bedrag dat al is betaald met betrekking tot lopende en voorgaande perioden groter is dan het bedrag dat over deze perioden is verschuldigd, wordt het saldo opgenomen als een actief. Het voordeel met betrekking tot een fiscaal verlies dat later kan worden gecompenseerd met in een voorgaande periode verschuldigde belasting wordt opgenomen als een actief. Het management onderzoekt regelmatig de standpunten genomen in belastingsaangiftes met betrekking tot situaties waarbij toepasbare fiscale verordeningen tot interpretatie kunnen leiden. Het maakt voorzieningen op, op basis van bedragen waarvan wordt verwacht dat ze aan de fiscale autoriteiten zullen betaald worden.
De uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingenworden volledig vastgesteld volgens de balansmethode, rekening houdend met tijdelijke verschillen tussen de boekwaarden van activa en passiva in de financiële verslaggeving en de bedragen die worden gebruikt voor fiscale doeleinden. Bij de berekening van de belastinglatenties wordt met de volgende tijdelijke verschillen geen rekening gehouden: (i) de eerste opname van de goodwill en (ii) de eerste opname van een actief of verplichting die geen invloed heeft op de winst vóór belastingen of op de fiscale winst (het fiscale verlies). Het bedrag van de uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie of vereffening van de boekwaarde van de activa en passiva, waarbij gebruik wordt gemaakt van de belastingtarieven die zijn vastgesteld of in wezen vastgesteld op de balansdatum. Een
uitgestelde belastingvordering wordt slechts geboekt in de mate dat het waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten zullen zijn tegenover welke de niet-aangewende fiscale verliezen en belastingkredieten zullen kunnen worden aangewend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat het desbetreffende belastingvoordeel zal worden gerealiseerd. Uitgestelde belastingvorderingen- en verplichtingen worden gesaldeerd als er een in rechte afdwingbaar recht bestaat om actuele belastingvorderingen met actuele belastingverplichtingen te salderen en als de uitgestelde belastingvorderingenen verplichtingen verband houden met winstbelastingen die door dezelfde belastingautoriteit worden geheven ofwel op dezelfde belastbare entiteit ofwel op verschillende belastbare entiteiten met de bedoeling de balans op een netto basis te regelen.
Elke post van de winst- en verliesrekening en elk subtotaal van de gesegmenteerde winst- en verliesrekening wordt onderverdeeld om informatie te geven inzake courant resultaat en ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen. Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen bevatten de volgende elementen:
Alle andere elementen worden erkend als deel van het courante resultaat.
De operationele segmenten van de groep voor de verslaggeving zijn autodistributie en voertuigbeglazing.
Het segment autodistributie omvat de automobiele distributie-activiteiten (zie toelichting 1) net als de corporate activiteiten. Het segment voertuigbeglazing betreft Belron s.a. en zijn dochterondernemingen (zie toelichting 1).
Deze operationele segmenten zijn consistent met de organisatorische en interne rapporteringstructuur van de groep.
| 2013 2012 (1) |
||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Toelichting | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Elimi- naties Groep |
Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Elimi- naties |
Groep |
| Externe verkopen | 4 | 2.627,4 | 2.843,1 | 5.470,5 | 2.787,3 | 2.727,2 | 5.514,5 | |
| Verkopen tussen segmenten | 4,1 | 0,1 | -4,2 - |
3,4 | - | -3,4 | - | |
| Verkopen per segment | 2.631,5 | 2.843,2 | -4,2 5.470,5 |
2.790,7 | 2.727,2 | -3,4 | 5.514,5 | |
| Bedrijfsresultaat (per segment) bestaande uit: courante elementen |
5 | 43,0 46,7 |
156,9 173,5 |
199,9 220,2 |
132,8 54,2 |
148,8 196,0 |
281,6 250,2 |
|
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen |
5 5 |
-3,7 | -16,6 | -20,3 | 78,6 | -47,2 | 31,4 | |
| Netto fi nancieringskosten | 6 | -8,9 | -38,7 | -47,6 | -6,7 | -40,3 | -47,0 | |
| Aandeel in het resultaat van entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode |
7 | 0,5 | - | 0,5 | -4,0 | - | -4,0 | |
| Resultaat vóór belastingen | 9 | 34,6 | 118,2 | 152,8 | 122,1 | 108,5 | 230,6 | |
| bestaande uit: courante elementen | 9 | 44,6 | 137,7 | 182,3 | 50,2 | 159,3 | 209,5 | |
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen |
9 | -10,0 | -19,5 | -29,5 | 71,9 | -50,8 | 21,1 | |
| Belastingen | 8 | 1,5 | -36,3 | -34,8 | -5,5 | -30,1 | -35,6 | |
| Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten |
36,1 | 81,9 | 118,0 | 116,6 | 78,4 | 195,0 | ||
| bestaande uit: courante elementen | 42,7 | 98,2 | 140,9 | 47,8 | 119,5 | 167,3 | ||
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen |
-6,6 | -16,3 | -22,9 | 68,8 | -41,1 | 27,7 | ||
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | - | - | - | - | - | - | ||
| RESULTAAT VAN DE PERIODE | 36,1 | 81,9 | 118,0 | 116,6 | 78,4 | 195,0 | ||
| Toerekenbaar aan: | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep | ||
| Houders van eigen-vermogensinstru- menten van de moedermaatschappij |
36,4 | 77,6 | 114,0 | 117,3 | 72,8 | 190,1 | ||
| bestaande uit: courante elementen | 9 | 43,0 | 93,1 | 136,1 | 48,5 | 110,9 | 159,4 | |
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen |
-6,6 | -15,5 | -22,1 | 68,8 | -38,1 | 30,7 | ||
| Belangen zonder zeggenschap | -0,3 | 4,3 | 4,0 | -0,7 | 5,6 | 4,9 | ||
| RESULTAAT VAN DE PERIODE | 36,1 | 81,9 | 118,0 | 116,6 | 78,4 | 195,0 |
Toelichting 3.3: Gesegmenteerde balans - Operationele segmenten (Op 31 december) - Activa
| 2013 | 2012 (1) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Toelichting | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep |
| Goodwill | 11 | 8,3 | 1.048,6 | 1.056,9 | 8,8 | 1.033,3 | 1.042,1 |
| Overige immateriële vaste activa | 13 | 8,3 | 426,2 | 434,5 | 4,4 | 425,8 | 430,2 |
| Overige materiële vaste activa | 15 | 160,9 | 297,3 | 458,2 | 150,7 | 305,7 | 456,4 |
| Vastgoedbeleggingen | 16 | 4,8 | - | 4,8 | 5,1 | - | 5,1 |
| Entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode | 7 | 59,9 | - | 59,9 | 59,4 | - | 59,4 |
| Voor verkoop beschikbare fi nanciële activa | 17 | 0,5 | - | 0,5 | 0,5 | - | 0,5 |
| Ten einde looptijd aangehouden fi nanciële activa | 14 | 9,7 | - | 9,7 | - | - | - |
| Activa uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | 20 | - | 34,2 | 34,2 | - | 54,9 | 54,9 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 21 | 0,1 | 41,5 | 41,6 | - | 53,8 | 53,8 |
| Overige vorderingen | 22 | 21,2 | 2,4 | 23,6 | 20,5 | 2,3 | 22,8 |
| Vaste activa | 273,7 | 1.850,2 | 2.123,9 | 249,4 | 1.875,8 | 2.125,2 | |
| Voorraden | 23 | 285,0 | 254,3 | 539,3 | 313,8 | 247,7 | 561,5 |
| Ten einde looptijd aangehouden fi nanciële activa | 14 | 288,4 | - | 288,4 | 211,7 | - | 211,7 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | - | 0,6 | 0,6 | - | 0,1 | 0,1 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 5,9 | 1,5 | 7,4 | 8,6 | 0,9 | 9,5 |
| Andere fi nanciële activa | 24 | - | 1,6 | 1,6 | - | 0,5 | 0,5 |
| Actuele belastingvorderingen | 25 | - | 9,2 | 9,2 | 0,1 | 9,1 | 9,2 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 26 | 130,9 | 253,8 | 384,7 | 114,6 | 279,2 | 393,8 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 27 | 163,1 | 36,5 | 199,6 | 143,0 | 38,7 | 181,7 |
| Vlottende activa | 873,3 | 557,5 | 1.430,8 | 791,8 | 576,2 | 1.368,0 | |
| TOTAAL ACTIVA | 1.147,0 | 2.407,7 | 3.554,7 | 1.041,2 | 2.452,0 | 3.493,2 |
Toelichting 3.3: Gesegmenteerde balans - Operationele segmenten (Op 31 december) - Eigen vermogen en verplichtingen
| 2013 | 2012 (1) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Toelichting | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep |
| Geplaatst kapitaal en reserves die aan houders van eigen-vermogensinstrumenten toerekenbaar zijn |
1.723,6 | - | 1.723,6 | 1.677,4 | - | 1.677,4 | |
| Belangen zonder zeggenschap | -0,6 | 2,2 | 1,6 | -0,2 | 2,0 | 1,8 | |
| Eigen vermogen | 1.723,0 | 2,2 | 1.725,2 | 1.677,2 | 2,0 | 1.679,2 | |
| Verplichtingen uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | 20 | 7,4 | 19,8 | 27,2 | 7,7 | 50,2 | 57,9 |
| Overige voorzieningen | 29 | 20,5 | 5,8 | 26,3 | 25,0 | 0,6 | 25,6 |
| Leningen | 30/31 | 102,9 | 590,1 | 693,0 | 251,4 | 549,8 | 801,2 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | - | 14,1 | 14,1 | - | 6,9 | 6,9 |
| Verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap |
32 | 89,0 | - | 89,0 | 134,1 | - | 134,1 |
| Andere schulden | 33 | - | 19,0 | 19,0 | - | 15,1 | 15,1 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 21 | 21,1 | 17,3 | 38,4 | 20,4 | 22,3 | 42,7 |
| Langlopende verplichtingen | 240,9 | 666,1 | 907,0 | 438,6 | 644,9 | 1.083,5 | |
| Voorzieningen | 29 | - | 3,5 | 3,5 | - | 6,5 | 6,5 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | - | 0,1 | 0,1 | - | 0,1 | 0,1 |
| Leningen | 30/31 | 151,9 | 178,1 | 330,0 | 2,1 | 107,1 | 109,2 |
| Intragroep fi nanciering | 30 | - | - | - | -130,0 | 130,0 | - |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | - | 1,3 | 1,3 | - | 2,1 | 2,1 |
| Actuele belastingverplichtingen | 25 | 0,1 | 17,9 | 18,0 | 0,3 | 22,5 | 22,8 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten | 34 | 149,3 | 420,3 | 569,6 | 156,1 | 433,7 | 589,8 |
| Kortlopende verplichtingen | 301,3 | 621,2 | 922,5 | 28,5 | 702,0 | 730,5 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 2.265,2 | 1.289,5 | 3.554,7 | 2.144,3 | 1.348,9 | 3.493,2 |
Toelichting 3.4: Gesegmenteerd kasstroomoverzicht - Operationele segmenten (Jaar afgesloten op 31 december)
| 2013 | 2012 (1) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Toelichting | Auto- distri- butie |
Voe rt uig - begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep |
| Kasstroom uit de voortgezette bedrijfsactiviteiten | |||||||
| Bedrijfsresultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 43,0 | 156,9 | 199,9 | 132,7 | 148,8 | 281,5 | |
| Afschrijvingen van overige vaste elementen | 5 | 12,9 | 78,8 | 91,7 | 12,3 | 79,5 | 91,8 |
| Afschrijvingen van overige immateriële vaste activa | 5 | 2,5 | 31,4 | 33,9 | - | 26,9 | 26,9 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill en overige vaste activa |
9 | - | - | - | - | 11,6 | 11,6 |
| Overige niet-geldelijke posten | 9 | 0,3 | 12,8 | 13,1 | -41,4 | -26,8 | -68,2 |
| Pensioenverplichtingen | -0,4 | -8,0 | -8,4 | 0,7 | -11,0 | -10,3 | |
| Overige geldelijke posten | - | -10,3 | -10,3 | - | - | - | |
| Wijziging in de behoefte aan bedrijfskapitaal | 4,2 | 0,7 | 4,9 | 19,9 | 22,6 | 42,5 | |
| Kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | 62,5 | 262,3 | 324,8 | 124,2 | 251,6 | 375,8 | |
| Betaalde belastingen | -0,8 | -40,8 | -41,6 | -0,7 | -44,1 | -44,8 | |
| Netto kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | 61,7 | 221,5 | 283,2 | 123,5 | 207,5 | 331,0 | |
| Kasstroom uit de voortgezette investeringsactiviteiten | |||||||
| Aanschaffi ngen van materiële vaste activa | -18,1 | -92,7 | -110,8 | -22,9 | -101,0 | -123,9 | |
| Verkopen van materiële vaste activa | 0,4 | 4,3 | 4,7 | 0,7 | 3,9 | 4,6 | |
| Netto investering in immateriële en materiële vaste activa |
-17,7 | -88,4 | -106,1 | -22,2 | -97,1 | -119,3 | |
| Verwerving van dochterondernemingen (netto van verworven geldmiddelen) |
9/12 | -8,8 | -51,5 | -60,3 | -1,8 | -37,1 | -38,9 |
| Inbreng van dochteronderneming (netto van vervreemde geldmiddelen) in joint venture |
9 | - | - | - | 19,5 | - | 19,5 |
| Investering in ten einde looptijd aangehouden fi nanciële activa | 14 | -86,4 | - | -86,4 | -211,7 | - | -211,7 |
| Netto investering in overige fi nanciële activa | 9 | -0,8 | -0,2 | -1,0 | 79,9 | -0,3 | 79,6 |
| Netto kasstroom uit de investeringsactiviteiten | -113,7 | -140,1 | -253,8 | -136,3 | -134,5 | -270,8 |
Toelichting 3.4: Gesegmenteerd kasstroomoverzicht - Operationele segmenten (Jaar afgesloten op 31 december) - Vervolg
| 2013 | 2012 (1) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Toelichting | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep |
| Kasstroom uit de voortgezette fi nancieringsactiviteiten | |||||||
| Verwerving (-)/Vervreemding (+) van belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap |
9 | -35,7 | - | -35,7 | - | - | - |
| Netto vervreemding/(aanschaffi ng) van eigen aandelen | -0,9 | - | -0,9 | -6,8 | - | -6,8 | |
| Terugbetaling van fi nanciële leases verplichtingen | - | -24,0 | -24,0 | - | -21,7 | -21,7 | |
| Netto verandering in andere leningen | -0,5 | 136,3 | 135,8 | -98,9 | 101,1 | 2,2 | |
| Intragroep fi nanciering | 30 | 130,0 | -130,0 | - | 110,0 | -110,0 | - |
| Netto betaalde interesten | -5,3 | -31,8 | -37,1 | -17,9 | -35,2 | -53,1 | |
| Door de moedermaatschappij betaalde dividenden | 28 | -44,0 | - | -44,0 | -44,1 | - | -44,1 |
| Dividenden ontvangen van/(betaald door) dochterondernemingen | 28,5 | -30,0 | -1,5 | - | - | - | |
| Netto kasstroom uit de fi nancieringsactiviteiten | 72,1 | -79,5 | -7,4 | -57,7 | -65,8 | -123,5 | |
| TOTALE KASSTROOM VAN DE PERIODE | 20,1 | 1,9 | 22,0 | -70,5 | 7,2 | -63,3 | |
| 2013 | 2012 (1) | ||||||
| in miljoen EUR | Toelichting | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Voertuig- begla- zing |
Groep |
| Reconciliatie met de balans | |||||||
| Geldmiddelen aan het begin van het boekjaar | 27 | 93,0 | 38,7 | 131,7 | 74,5 | 36,5 | 111,0 |
| Kasequivalenten aan het begin van het boekjaar | 27 | 50,0 | - | 50,0 | 139,0 | - | 139,0 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van het boekjaar | 27 | 143,0 | 38,7 | 181,7 | 213,5 | 36,5 | 250,0 |
| Totale kasstroom van de periode Omrekeningsverschillen |
20,1 - |
1,9 -4,1 |
22,0 -4,1 |
-70,5 - |
7,2 -5,0 |
-63,3 -5,0 |
|
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het einde van het boekjaar | 163,1 | 36,5 | 199,6 | 143,0 | 38,7 | 181,7 |
Toelichting 3.5: Overige gesegmenteerde informatie - Operationele segmenten (Jaar afgesloten op 31 december)
| 2013 | 2012 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | |
| Kapitaalinvesteringen (1) | 25,9 | 166,8 | 192,7 | 25,5 | 176,3 | 201,8 |
(1) Kapitaalinvesteringen betreffen beide toevoegingen alsook aanschaffingen door bedrijfscombinaties inclusief goodwill.
Buiten de afschrijvingen van de activa van de segmenten (die voorgesteld worden in toelichting 5), is de kost voortvloeiend uit het langetermijn incentiveplan voor het management de andere materiële niet-geldelijke uitgave in mindering gebracht bij de schatting van het resultaat van de segmenten.
De twee operationele segmenten van de groep opereren in drie belangrijke geografische gebieden, zijnde België (voornaamste markt voor het segment autodistributie), de rest van Europa en de rest van de wereld.
| 2013 | 2012 | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | België | Rest van Europa |
Rest van de wereld | Groep | België | Rest van Europa |
Rest van de wereld | Groep | |
| Verkopen per segment aan externe klanten (1) | 2.555,3 | 1.583,7 | 1.331,5 | 5.470,5 | 2.679,7 | 1.507,5 | 1.327,3 | 5.514,5 | |
| Vaste activa (2) | 217,8 | 1.163,6 | 596,6 | 1.978,0 | 203,4 | 1.155,3 | 597,9 | 1.956,6 | |
| Kapitaalinvesteringen (3) | 32,6 | 58,0 | 102,1 | 192,7 | 31,4 | 39,6 | 130,8 | 201,8 |
(1) Gebaseerd op de geografische ligging van de klanten.
(2) Vaste activa zoals gedefinieerd door IFRS 8 omvatten de goodwill, de andere immateriële vaste activa, de voertuigen, de overige materiële vaste activa, de vastgoedbeleggingen en de overige vaste vorderingen.
(3) Kapitaalinvesteringen betreffen de toevoegingen alsook aanschaffingen door bedrijfscombinaties inclusief goodwill.
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Nieuwe voertuigen | 2.319,3 | 2.462,0 |
| Tweedehandse voertuigen | 23,9 | 33,6 |
| Onderdelen en accessoires | 164,3 | 169,5 |
| Naverkoopactiviteiten door D'Ieteren Car Centers | 67,0 | 63,8 |
| D'Ieteren Sport | 25,2 | 28,1 |
| Huuropbrengsten uit "buy-back" overeenkomsten | 5,4 | 6,3 |
| Andere verkopen | 22,3 | 24,0 |
| Subtotaal autodistributie | 2.627,4 | 2.787,3 |
| Voertuigbeglazing | 2.843,1 | 2.727,2 |
| VERKOPEN (EXTERNE) | 5.470,5 | 5.514,5 |
| bestaande uit: verkoop van goederen | 2.698,7 | 2.876,7 |
| verrichten van diensten | 2.771,2 | 2.637,3 |
| royalty's | 0,6 | 0,5 |
Interestopbrengsten en dividenden (indien toepasbaar) worden opgenomen onder de netto financieringskosten (zie toelichting 6).
Bedrijfsresultaat wordt verkregen na aftrek van:
| 2013 | 2012 (1) | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep |
| Courante elementen: | ||||||
| Inkopen en voorraadwijzigingen | -2.268,4 | -672,2 | -2.940,6 | -2.417,0 | -656,5 | -3.073,5 |
| Afschrijvingen van overige vaste elementen (excl. vastgoedbeleggingen) |
-12,5 | -78,8 | -91,3 | -11,9 | -79,5 | -91,4 |
| Afschrijvingen van de immateriële vaste activa (excl. waardeaanpassingen - zie toelichting 9) |
-0,6 | -21,2 | -21,8 | - | -17,1 | -17,1 |
| Overige operationele leasebetalingen (2) | - | -158,4 | -158,4 | - | -155,5 | -155,5 |
| Waardevermindering op voorraden | 1,6 | -0,7 | 0,9 | -2,7 | -0,9 | -3,6 |
| Personeelskosten (zie toelichting 35) | -138,0 | -1.086,0 | -1.224,0 | -136,6 | -1.005,3 | -1.141,9 |
| Onderzoek- en ontwikkelingskosten | - | -1,1 | -1,1 | - | -0,9 | -0,9 |
| Overige | -159,3 | -650,5 | -809,8 | -160,4 | -616,6 | -777,0 |
| Overige bedrijfskosten: | ||||||
| Waardeverminderingen op vorderingen | -4,2 | -0,8 | -5,0 | -4,6 | 1,3 | -3,3 |
| Kosten verbonden met vastgoedbeleggingen: | ||||||
| Afschrijvingen | -0,4 | - | -0,4 | -0,4 | - | -0,4 |
| Bedrijfskosten (3) | -0,1 | - | -0,1 | -0,1 | - | -0,1 |
| Overige | -0,2 | -0,1 | -0,3 | -0,9 | -0,2 | -1,1 |
| Subtotaal overige bedrijfskosten | -4,9 | -0,9 | -5,8 | -6,0 | 1,1 | -4,9 |
| Overige bedrijfsopbrengsten: | ||||||
| Winst op materiële vaste activa | - | 0,2 | 0,2 | 0,1 | - | 0,1 |
| Huurinkomen uit vastgoedbeleggingen (4) | 0,9 | - | 0,9 | 0,9 | - | 0,9 |
| Overige | 0,5 | - | 0,5 | 0,5 | - | 0,5 |
| Subtotaal overige bedrijfsopbrengsten | 1,4 | 0,2 | 1,6 | 1,5 | - | 1,5 |
| Subtotaal courante elementen | -2.580,7 | -2.669,6 | -5.250,3 | -2.733,1 | -2.531,2 | -5.264,3 |
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen (zie toelichting 9) |
-3,7 | -16,6 | -20,3 | 78,6 | -47,2 | 31,4 |
| NETTO BEDRIJFSKOSTEN | -2.584,4 | -2.686,2 | -5.270,6 | -2.654,5 | -2.578,4 | -5.232,9 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
(2) Meestal verhuur van voertuigen en overige installaties en uitrusting met betrekking tot de activiteit.
(3) Het bedrag in zijn geheel betreft vastgoedbeleggingen die huurinkomen hebben opgeleverd.
(4) Bevat geen voorwaardelijke leasebetalingen.
Netto financieringskosten bestaan uit de volgende elementen:
| 2013 | 2012 (1) | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep |
| Courante elementen: | ||||||
| Financiële kosten: | ||||||
| Interestkosten | -10,4 | -36,4 | -46,8 | -13,1 | -37,6 | -50,7 |
| Transfer van waardeaanpassingen | 3,0 | -1,1 | 1,9 | 2,6 | -0,7 | 1,9 |
| Courante interestkosten | -7,4 | -37,5 | -44,9 | -10,5 | -38,3 | -48,8 |
| Netto pensioenfi nancieringskost (zie toelichting 20) | -0,1 | 0,6 | 0,5 | -0,1 | -0,5 | -0,6 |
| Overige fi nanciële kosten | -1,4 | - | -1,4 | -1,4 | - | -1,4 |
| Subtotaal fi nanciële kosten | -8,9 | -36,9 | -45,8 | -12,0 | -38,8 | -50,8 |
| Financiële opbrengsten | 1,6 | 1,1 | 2,7 | 3,7 | 2,1 | 5,8 |
| Courante netto fi nancieringskosten | -7,3 | -35,8 | -43,1 | -8,3 | -36,7 | -45,0 |
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen (zie toelichting 9): |
||||||
| Ongebruikelijke elementen | - | - | - | -0,2 | - | -0,2 |
| Waardeaanpassingen op verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap |
1,1 | - | 1,1 | 2,8 | - | 2,8 |
| Waardeaanpassingen op fi nanciële instrumenten: | ||||||
| Winsten (Verliezen) op bruto reële waarde van derivaten (2) |
0,3 | -4,0 | -3,7 | 1,6 | -4,3 | -2,7 |
| Transfer naar courante elementen | -3,0 | 1,1 | -1,9 | -2,6 | 0,7 | -1,9 |
| Subtotaal winsten (verliezen) op netto reële waarde van derivaten (2) |
-2,7 | -2,9 | -5,6 | -1,0 | -3,6 | -4,6 |
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen | -1,6 | -2,9 | -4,5 | 1,6 | -3,6 | -2,0 |
| NETTO FINANCIERINGSKOSTEN | -8,9 | -38,7 | -47,6 | -6,7 | -40,3 | -47,0 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
(2) De verandering van de bruto reële waarde van derivaten stemt overeen met de verandering in de waarde van de derivaten tussen het begin en het einde van de periode. Veranderingen in de netto reële waarde van derivaten stemt overeen met de verandering in de bruto reële waarde zonder rekening te houden met de verworven kasstromen van de periode.
In 2013 worden twee entiteiten van de groep verwerkt volgens de "equity"-methode.
Volkswagen D'Ieteren Finance (VDFin) is een joint venture die voor 50 % (min één aandeel) in handen is van de groep en voor 50 % (plus één aandeel) in handen van Volkswagen Financial Services (een dochteronderneming van de Volkswagen Groep), die een volledige waaier van financiële diensten verbonden aan de verkoop van voertuigen van de groep Volkswagen op de Belgische markt aanbiedt. Die joint venture is operationeel sedert begin 2012 met de inbreng van D'Ieteren Lease s.a. (DIL), de vroegere dochteronderneming van de groep actief in operationele leasing, en van de activiteiten van Volkswagen Bank Belgium.
Het aandeel van het segment autodistributie in die joint venture bestaat uit:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Aandeel in vaste activa (incl. goodwill) | 327,3 | 364,9 |
| Aandeel in vlottende activa | 172,0 | 99,8 |
| Aandeel in langlopende verplichtingen | -164,8 | -152,0 |
| Aandeel in kortlopende verplichtingen | -279,4 | -257,6 |
| Aandeel in netto activa | 55,1 | 55,1 |
| Aandeel in de verkopen | 133,8 | 124,5 |
| Aandeel in winst (verlies) | - | -4,5 |
| bestaande uit: courante elementen | 4,7 | 3,8 |
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen | -4,7 | -8,3 |
Het aandeel in de netto activa vertegenwoordigt het aandeel van de groep in het eigen vermogen van VDFin op 31 december 2013. In het kader van de overname van DIL door VDFin begin 2012 en in overeenstemming met IFRS 3 "Bedrijfscombinaties" werden klantencontracten erkend als een immaterieel vast actief met een beperkte gebruiksduur. Het aandeel van de groep in de afschrijving na belasting bedroeg EUR 4,7 miljoen (2012: EUR 8,0 miljoen) en, overeenkomstig de grondslagen van de groep, werd beschouwd als een waardeaanpassing in de geconsolideerde jaarrekening.
Vanaf juni 2012 worden nieuwe diensten inzake financiële lease aan klanten van het segment autodistributie door die joint venture voorzien. Diensten met betrekking tot vroegere financiële leasecontracten zijn nog steeds voorzien door D'Ieteren Vehicle Trading n.v., een geassocieerde onderneming voor 49%.
Op jaareinde bestaat het deel van het segment autodistributie in die geassocieerde onderneming uit:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Aandeel in bruto activa (incl. goodwill) | 28,9 | 40,4 |
| Aandeel in bruto verplichtingen | -24,1 | -36,1 |
| Aandeel in netto activa | 4,8 | 4,3 |
| Aandeel in de verkopen | 9,7 | 13,6 |
| Aandeel in winst (verlies) | 0,5 | 0,5 |
Belastinglasten bestaan uit de volgende elementen:
| 2013 | 2012 (1) | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep |
| Actuele belastingen van het boekjaar | -0,6 | -33,1 | -33,7 | -0,7 | -44,3 | -45,0 |
| Actuele belastingen van vorige boekjaren | - | 0,8 | 0,8 | - | 3,9 | 3,9 |
| Verandering in de uitgestelde belastingen | 2,1 | -4,0 | -1,9 | -4,8 | 10,3 | 5,5 |
| Belastinglasten | 1,5 | -36,3 | -34,8 | -5,5 | -30,1 | -35,6 |
| bestaande uit: courante elementen | -1,9 | -39,5 | -41,4 | -2,4 | -39,8 | -42,2 |
| onge bruikelijke elemente n en waardeaanpassin g e n |
3,4 | 3,2 | 6,6 | -3,1 | 9,7 | 6,6 |
Het verband tussen de belastinglasten en het boekhoudkundige resultaat wordt hieronder verklaard:
| 2013 | 2012 (1) | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep |
| Resultaat vóór belastingen | 34,6 | 118,2 | 152,8 | 122,1 | 108,5 | 230,6 |
| Belasting tegen het Belgische vennootschapsbelastingpercentage (33,99%) |
-11,8 | -40,2 | -52,0 | -41,5 | -36,9 | -78,4 |
| Verzoenende elementen (som van alle elementen hieronder geïdentifi ceerd door (a) en (b)) |
13,3 | 3,9 | 17,2 | 36,0 | 6,8 | 42,8 |
| Belastinglasten op resultaat vóór belastingen | 1,5 | -36,3 | -34,8 | -5,5 | -30,1 | -35,6 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
De verzoenende elementen worden hieronder opgesomd:
| 2013 | 2012 (1) | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | |||
| Courant resultaat vóór belastingen | 44,6 | 137,7 | 182,3 | 50,2 | 159,3 | 209,5 | |||
| Belasting tegen het Belgische vennootschapsbelastingpercentage (33,99%) |
-15,2 | -46,8 | -62,0 | -17,1 | -54,1 | -71,2 | |||
| Verschil in belastingpercentage | (a) | - | 5,4 | 5,4 | - | 1,4 | 1,4 | ||
| Permanente verschillen | (a) | 16,4 | 11,9 | 28,3 | 17,6 | 17,9 | 35,5 | ||
| Gebruik van fi scale verliezen | (a) | 0,1 | - | 0,1 | 1,4 | - | 1,4 | ||
| Aanpassingen mbt vorige boekjaren | (a) | - | 2,3 | 2,3 | - | - | - | ||
| Niet erkende uitgestelde belastingvorderingen | (a) | -3,8 | -7,3 | -11,1 | -4,9 | -5,0 | -9,9 | ||
| Herkenning van aanvankelijk niet erkende uitgestelde belastingvorderingen |
(a) | - | - | - | -0,9 | - | -0,9 | ||
| Terugneming van aanvankelijk erkende uitgestelde belastingvorderingen |
- | -5,0 | -5,0 | - | - | - | |||
| Impact van de dividenden | (a) | -1,4 | - | -1,4 | - | - | - | ||
| Joint ventures en geassocieerde ondernemingen | (a) | 1,8 | - | 1,8 | 1,5 | - | 1,5 | ||
| Overige | (a) | 0,2 | - | 0,2 | - | - | - | ||
| Belastinglasten op courant resultaat vóór belastingen |
-1,9 | -39,5 | -41,4 | -2,4 | -39,8 | -42,2 | |||
| Reëel belastingpercentage op het courante resultaat vóór belastingen |
4% | 29% | 23% | 5% | 25% | 20% | |||
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen in resultaat vóór belastingen |
-10,0 | -19,5 | -29,5 | 71,9 | -50,8 | 21,1 | |||
| Belasting tegen het Belgische vennootschapsbelastingpercentage (33,99%) |
3,4 | 6,6 | 10,0 | -24,4 | 17,3 | -7,1 | |||
| Verschil in belastingpercentage | (b) | - | -0,7 | -0,7 | - | -3,7 | -3,7 | ||
| Permanente verschillen | (b) | - | - | - | - | -1,3 | -1,3 | ||
| Gebruik van fi scale verliezen | (b) | - | - | - | 11,7 | - | 11,7 | ||
| Niet erkende uitgestelde belastingvorderingen | (b) | 1,9 | -2,7 | -0,8 | -1,1 | -2,5 | -3,6 | ||
| Niet belastbare netto winst op aandelen | (b) | - | - | - | 13,2 | - | 13,2 | ||
| Joint ventures en geassocieerde ondernemingen | (b) | -1,6 | - | -1,6 | -2,8 | - | -2,8 | ||
| Overige | (b) | -0,3 | - | -0,3 | 0,3 | -0,1 | 0,2 | ||
| Belastinglasten op ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen in resultaat vóór belastingen |
3,4 | 3,2 | 6,6 | -3,1 | 9,7 | 6,6 |
Elke post van de winst- en verliesrekening en elk subtotaal van de gesegmenteerde winst- en verliesrekening wordt onderverdeeld om informatie te geven inzake courant resultaat en ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen. Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen bevatten de volgende elementen:
Alle andere elementen worden erkend als deel van het courante resultaat.
Courant resultaat na belastingen ("courant PAT") bestaat uit het resultaat uit voortgezette activiteiten, zoals voorgesteld in de winst- en verliesrekening (of het resultaat van de periode wanneer er geen bedrijfsactiviteit beëindigd wordt), exclusief ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen zoals hierboven gedefinieerd, en exclusief hun impact op de belastingen.
Courant resultaat vóór belastingen ("courant PBT") bestaat uit het resultaat vóór belastingen, zoals voorgesteld in de winst- en verliesrekening, exclusief ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen zoals hierboven gedefinieerd.
Courant PAT, groepsaandeel, en courant PBT, groepsaandeel, sluiten het aandeel van de aandeelhouders zonder zeggenschap uit in het courante PAT en het courante PBT.
Het courante resultaat is een prestatie-indicator niet gedefinieerd door de IFRS-normen. De groep beschouwt het courante resultaat niet als een alternatief voor financiële waarderingen bepaald in overeenstemming met IFRS. Het courante resultaat zoals weergegeven door de groep kan verschillen van gelijkaardige waarderingen van andere vennootschappen. De groep maakt gebruik van het concept "courant resultaat" om haar operationele prestatie uit te drukken.
Na de oprichting van VDFin (waarvan de resultaten verwerkt worden volgens de "equity"-methode) en om alle activiteiten van de groep beter te weerspiegelen, wordt sinds 2012 het aandeel van de groep in het courante resultaat vóór belastingen van entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode inbegrepen in het courante PBT, groepsaandeel.
In 2013 en 2012 bestonden de ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen uit:
| 2013 | 2012 | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | |||
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen | |||||||||
| Opgenomen in bedrijfsresultaat | -3,7 | -16,6 | -20,3 | 78,6 | -47,2 | 31,4 | |||
| Waardeaanpassingen van fi nanciële instrumenten | - | 0,8 | (g) | 0,8 | - | 0,5 (g) | 0,5 | ||
| Afschrijving van klantencontracten | - | -9,0 | (h) | -9,0 | - | -7,4 (h) | -7,4 | ||
| Afschrijving van merken met beperkte gebruiksduur | - | -1,2 | (i) | -1,2 | - | -2,4 | (i) | -2,4 | |
| Afschrijving van overige immateriële vaste activa met beperkte gebruiksduur |
-1,9 | (a) | - | -1,9 | - | - | - | ||
| Bijzondere waardeverminderingsverlies op goodwill en op vaste activa |
- | - | - | - | -11,6 | (j) | -11,6 | ||
| Netto winst op verkoop/inbreng van dochterondernemingen |
- | - | - | 38,7 | (f) | - | 38,7 | ||
| Overige ongebruikelijke elementen | -1,8 | (b) | -7,2 | (k) | -9,0 | 39,9 | (b) | -26,3 (k) | 13,6 |
| Opgenomen in netto fi nancieringskosten | -1,6 | -2,9 | -4,5 | 1,6 | -3,6 | -2,0 | |||
| Waardeaanpassingen van fi nanciële instrumenten | -2,7 | (c) | -2,9 | (g) | -5,6 | -1,0 | (c) | -3,6 (g) | -4,6 |
| Waardeaanpassingen van verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap |
1,1 | (d) | - | 1,1 | 2,8 | (d) | - | 2,8 | |
| Overige ongebruikelijke elementen | - | - | - | -0,2 | - | -0,2 | |||
| Opgenomen in resultaat van entiteiten verwerkt volgens de equity-methode |
-4,7 | (e) | - | -4,7 | -8,3 | (e) | - | -8,3 | |
| Opgenomen in resultaat vóór belastingen | -10,0 | -19,5 | -29,5 | 71,9 | -50,8 | 21,1 | |||
| waarvan: ongebruikelijke elementen (zoals gedefi nieerd in toelichting 2) |
-1,8 | -7,2 | -9,0 | 78,4 | -26,3 | 52,1 | |||
| waardeaanpassingen (zoals gedefi nieerd in toelichting 2) |
-8,2 | -12,3 | -20,5 | -6,5 | -24,5 | -31,0 |
| 2013 | 2012 (1) | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep |
| Van het resultaat vóór belastingen tot het courante PBT, groepsaandeel: |
||||||
| Resultaat vóór belastingen | 34,6 | 118,2 | 152,8 | 122,1 | 108,5 | 230,6 |
| Min: ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen in het resultaat vóór belastingen |
10,0 | 19,5 | 29,5 | -71,9 | 50,8 | -21,1 |
| Courant PBT | 44,6 | 137,7 | 182,3 | 50,2 | 159,3 | 209,5 |
| Min: aandeel van de groep in de belastingen op het courante resultaat van entiteiten verwerkt volgens de equity-methode |
2,2 | - | 2,2 | 1,6 | - | 1,6 |
| Belangen zonder zeggenschap in courant PBT | 0,3 | -7,2 | -6,9 | 0,7 | -11,6 | -10,9 |
| Courant PBT, groepsaandeel | 47,1 | 130,5 | 177,6 | 52,5 | 147,7 | 200,2 |
| Van courant PBT, groepsaandeel, tot courant PAT, groepsaandeel: |
||||||
| Courant PBT, groepsaandeel | 47,1 | 130,5 | 177,6 | 52,5 | 147,7 | 200,2 |
| Aandeel van de groep in belastingen op het courante resultaat van entiteiten verwerkt volgens de "equity"- methode |
-2,2 | - | -2,2 | -1,6 | - | -1,6 |
| Courante belastingen, groepsaandeel | -1,9 | -37,4 | -39,3 | -2,4 | -36,8 | -39,2 |
| Courant PAT, groepsaandeel | 43,0 | 93,1 | 136,1 | 48,5 | 110,9 | 159,4 |
| Van courant PAT, groepsaandeel, tot courant resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij: |
||||||
| Courant PAT, groepsaandeel | 43,0 | 93,1 | 136,1 | 48,5 | 110,9 | 159,4 |
| Aandeel van de groep in de courante beëindigde bedrijfsactiviteiten |
- | - | - | - | - | - |
| Courant resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij |
43,0 | 93,1 | 136,1 | 48,5 | 110,9 | 159,4 |
In 2012 bevatte de lijn "overige niet-geldelijke posten" in het segment autodistributie, onder andere, de niet-geldelijke geconsolideerde winst op de inbreng van alle D'Ieteren Lease aandelen aan Volkswagen D'Ieteren Finance (zie hierboven).
In 2012 bevatte de lijn "overige niet-geldelijke posten" in het segment voertuigbeglazing, onder andere, de volledige terugneming van de voorheen opgestelde voorziening voor het incentiveplan op lange termijn voor het management.
De lijn "Verwerving van dochterondernemingen" op 31 december 2013 bevat, naast andere transacties, de bedrijfscombinaties weergegeven in toelichting 12.
In 2013 bevat de lijn "Verwerving van belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap" de kasuitstroom voortvloeiend uit de prijs betaald aan een senior niet-uitvoerend lid van de oprichtersfamilie van Belron ingevolge de uitoefening van zijn put-optie in maart 2013 (zie toelichting 32) en de kasinstroom voortvloeiend uit de prijsaanpassing gekregen van Cobepa met betrekking tot de put-opties uitgeoefend in september 2009 en de call-opties uitgeoefend door de moedermaatschappij in maart 2007.
In 2012 bevatte de lijn "Inbreng van dochteronderneming in joint venture" de netto kasinstroom voortvloeiend uit de oprichting van de joint venture Volkswagen D'Ieteren Finance (VDFin) en de inbreng van alle D'Ieteren Lease n.v. aandelen aan VDFin.
In 2012 bevatte de lijn "netto investering in overige financiële activa" hoofdzakelijk de kasinstroom uit de terugbetaling begin 2012 van de intragroep achtergestelde lening (EUR 89 miljoen) door s.a. D'Ieteren Services n.v., een 100% dochteronderneming van de groep, aan D'Ieteren Lease aan marktvoorwaarden.
Het resultaat per aandeel ("EPS") wordt hierboven vermeld in de geconsolideerde winst- en verliesrekening. Het resultaat per aandeel uit voortgezette bedrijfsactiviteiten ("Continuing EPS") is gelijk aan de EPS en wordt dus niet vermeld.
Het gewone resultaat en het verwaterde resultaat per aandeel zijn gebaseerd op het resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij (gebaseerd op het resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij voor de "continuing EPS"), na aanpassing mbt de winstaandelen (elk winstaandeel heeft een stemrecht en geeft recht op een dividend dat gelijk is aan één achtste van het dividend van een gewoon aandeel). Het courante EPS, die geen ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen bevat zoals gedefinieerd in toelichting 9, wordt gegeven om de operationele prestatie te onderstrepen.
Het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen in omloop voor de periode wordt in de onderstaande tabel weergegeven.
De groep heeft opties op gewone aandelen van de moedermaatschappij toegekend aan werknemers. Zulke opties vormen de enige bron van potentiële verwatering van de gewone aandelen.
De opties op de gewone aandelen van de moedermaatschappij vermeerderden het gewogen gemiddelde aantal aandelen van de moedermaatschappij in 2012 en 2013 aangezien sommige uitoefenprijzen van opties lager dan de marktprijs van de aandelen waren. Die opties zijn verwaterend.
De berekening van het gewone en het verwaterde EPS ziet eruit als volgt:
| Resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten 114,0 Aanpassing mbt de winstaandelen -1,3 Teller voor EPS (in miljoen EUR) (a) 112,7 Courant resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen 136,1 vermogensinstrumenten Aanpassing mbt de winstaandelen -1,6 Teller voor courant EPS (in miljoen EUR) (b) 134,5 Resultaat van de voortgezette bedrijfsactiviteiten 118,0 Aandeel van belangen zonder zeggenschap in het resultaat van de voortgezette -4,0 bedrijfsactiviteiten Resultaat van de voortgezette bedrijfsactiviteiten toerekenbaar aan houders van eigen 114,0 vermogensinstrumenten Aanpassing mbt de winstaandelen -1,3 Teller voor EPS van voortgezette bedrijfsactiviteiten (in miljoen EUR) (c) 112,7 Courant resultaat van de voortgezette bedrijfsactiviteiten 140,9 Aandeel van belangen zonder zeggenschap in het courante resultaat van de voortgezette -4,8 bedrijfsactiviteiten Courant resultaat van de voortgezette bedrijfsactiviteiten toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten ("Courant PAT, groepsaandeel" zoals gedefi nieerd in 136,1 toelichting 9) Aanpassing mbt de winstaandelen -1,6 Teller voor courante EPS van voortgezette bedrijfsactiviteiten (in miljoen EUR) (d) 134,5 Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen voor de periode (e) 54.409.660 Aanpassing mbt de aandelenoptieplannen 166.027 Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen in rekening genomen voor het verwaterde EPS (f) 54.575.687 Resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten Gewoon per aandeel (in EUR) 2,07 (a)/(e) Verwaterd per aandeel (in EUR) (a)/(f) 2,06 Gewoon courant per aandeel (in EUR) (b)/(e) 2,47 Verwaterd courant per aandeel (in EUR) (b)/(f) 2,46 |
2013 | 2012 (1) | |
|---|---|---|---|
| 190,1 | |||
| -2,2 | |||
| 187,9 | |||
| 159,4 | |||
| -1,8 | |||
| 157,6 | |||
| 195,0 | |||
| -4,9 | |||
| 190,1 | |||
| -2,2 | |||
| 187,9 | |||
| 167,3 | |||
| -7,9 | |||
| 159,4 | |||
| -1,8 | |||
| 157,6 | |||
| 54.450.508 | |||
| 217.359 | |||
| 54.667.867 | |||
| 3,45 | |||
| 3,44 | |||
| 2,89 | |||
| 2,88 |
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Boekwaarde op 1 januari | 1.042,1 | 1.026,0 |
| Toevoegingen | 47,2 | 45,7 |
| Vermeerdering/(vermindering) voortvloeiend uit de verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap (zie toelichting 32) |
-6,8 | -22,3 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | - | -4,2 |
| Aanpassingen | -10,0 | 1,2 |
| Omrekeningsverschillen | -15,6 | -4,3 |
| Boekwaarde op 31 december | 1.056,9 | 1.042,1 |
De toevoegingen voortvloeiend uit de bedrijfscombinaties die in de periode hebben plaatsgevonden worden gedetailleerd in toelichting 12.
De vermindering voortvloeiend uit de verkoopopties bevat de verandering van de goodwill geboekt op het einde van het jaar om de veranderingen in de uitoefenprijs van de overblijvende opties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap en de boekwaarde van de desbetreffende belangen zonder zeggenschap weer te geven (zie toelichting 32). De aanpassingen komen voort uit de verdere wijzigingen in de reële waarde van de netto activa met betrekking tot de overnames in 2012 van beide segmenten en uit de verandering van goodwill voortvloeiend uit de prijsaanpassing verkregen van Cobepa met betrekking tot de verkoopopties die ze uitoefende in september 2009 en de aankoopopties uitgeoefend door de moedermaatschappij in maart 2007.
De toerekening van de goodwill aan kasstroomgenererende eenheden wordt hieronder beschreven (de toerekening van de overige immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren wordt gegeven in toelichting 13):
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Autodistributie | 8,3 | 8,8 |
| Voertuigbeglazing | ||
| Verenigd Koninkrijk | 98,3 | 97,3 |
| Frankrijk | 70,7 | 70,7 |
| Italië | 73,7 | 59,7 |
| Duitsland | 47,8 | 47,8 |
| Canada | 71,9 | 66,9 |
| Nederland | 29,1 | 29,1 |
| België | 27,1 | 27,1 |
| Australië | 26,9 | 27,3 |
| Verenigde Staten | 138,0 | 133,0 |
| Spanje | 24,1 | 22,2 |
| Noorwegen | 7,9 | 7,5 |
| Nieuw-Zeeland | 6,4 | 6,4 |
| Griekenland | 0,2 | - |
| Zweden | 7,4 | 5,3 |
| Zwitserland | 2,1 | 2,1 |
| Portugal | 1,2 | 1,2 |
| Denemarken | 5,2 | 5,2 |
| Brazilië | 18,5 | 21,8 |
| China | 8,5 | 7,5 |
| Rusland | 7,6 | 8,3 |
| Turkije | 4,1 | 4,8 |
| Oostenrijk | 0,3 | 0,3 |
| Ierland | 0,1 | 0,1 |
| Hongarije | 0,4 | 0,5 |
| Autorestore | 5,6 | 5,7 |
| Niet toegerekend | 365,5 | 375,5 |
| Subtotaal voertuigbeglazing | 1.048,6 | 1.033,3 |
| GROEP | 1.056,9 | 1.042,1 |
Het niet-toegerekende bedrag in het segment voertuigbeglazing vloeit voort uit de overname van Belron door de groep in 1999, uit de transacties aangegaan met de aandeelhouders zonder zeggenschap van Belron sedert 1999 en uit de erkenning van de verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap van Belron als gevolg van de invoering van IAS 32 vanaf 1 januari 2005 (zie toelichting 32).
Goodwill wordt bekeken op het niveau van de operationele segmenten voor bedrijfscombinaties en transacties gemaakt door de moedermaatschappij, en op het niveau van het land voor bedrijscombinaties doorgevoerd door Belron s.a. en zijn dochterondernemingen.
Overeenkomstig de vereisten van IAS 36 "Bijzondere waardevermindering van activa", heeft de groep een herziening van de boekwaarde van de goodwill en de overige immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren (zie toelichting 13) uitgevoerd op ieder jaareind. Het onderzoek naar bijzondere waardeverminderingsverliezen, gebaseerd op de berekening van de bedrijfswaarde, werd uitgevoerd om te verzekeren dat de boekwaarde van de activa van de groep is opgenomen tegen een bedrag dat niet hoger is dan zijn realiseerbare waarde, zijnde de hoogste waarde van de reële waarde minus de verkoopkosten en de bedrijfswaarde.
Het segment voertuigbeglazing heeft dat onderzoek doorgevoerd voor alle kasstroomgenererende eenheden (zijnde de verschillende landen waar Belron actief is). In 2013 werd geen bijzonder waardeverminderingsverlies erkend in de verschillende kasstroomgenererende eenheden. In 2012 leidde dat onderzoek tot een bijzonder waardeverminderingsverlies van EUR 4,2 miljoen met betrekking tot de Griekse kasstroomgenererende eenheid. Bovendien werden Griekse vaste materiële activa in waarde verminderd met EUR 0,4 miljoen (zie toelichting 15). Het bijzondere waardeverminderingsverlies werd als een waardeaanpassing in het bedrijfsresultaat voorgesteld (zie toelichting 9).
Bij de bepaling van de bedrijfswaarde van elke kasstroomgenererende eenheid heeft de groep de contante waarde berekend van de geraamde toekomstige kasstromen die zouden kunnen voortvloeien uit het constante gebruik van de activa en gebruikte daarvoor een specifieke disconteringsvoet vóór belastingen die het risicoprofiel van de onderliggende kasstroomgenererende eenheid weerspiegelt. Die disconteringsvoet vóór belastingen is gebaseerd op de gewogen gemiddelde kost van kapitaal van elke kasstroomgenererende eenheid met bijhorende aanpassing voor de relevante risico's verbonden met de activiteit en met het onderliggende land ("country risk premium"). Geraamde toekomstige kasstromen zijn gebaseerd op vooropgestelde langetermijn plannen goedgekeurd voor elke kasstroomgenererende eenheid, met extrapolatie (termijnwaarde) voor de komende jaren op basis van een gemiddeld groeipercentage op lange termijn. Dit groeipercentage wordt vastgelegd op 2% (2012: 2%) voor alle kasstroomgenererende eenheden. De vooropgestelde langetermijn plannen dekken een periode van 5 jaar, behalve China, Rusland en Turkije waarvoor een periode tot veertien jaar gebruikt werd omwille van de vrij recente toetreding van het segment voertuigbeglazing in die landen en omwille van hun hoge groeipotentieel. Allen samen vertegenwoordigen die landen een totale goodwill van EUR 20,2 miljoen, niet aanzienlijk op groepsniveau.
De disconteringsvoeten vóór belastingen gebruikt voor de kasstroomprojecties van de belangrijkste kasstroomgenererende eenheden zijn de volgende:
| Disconteringsvoet vóór belastingen | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Verenigd Koninkrijk | 9,6% | 9,2% |
| Frankrijk | 9,9% | 10,5% |
| Italië | 12,0% | 11,0% |
| Duitsland | 9,4% | 10,1% |
| Canada | 9,4% | 9,5% |
| Nederland | 8,4% | 8,9% |
| België | 9,9% | 10,4% |
| Australië | 11,6% | 12,0% |
| Verenigde Staten | 11,1% | 11,0% |
| Spanje | 12,6% | 11,6% |
| Brazilië | 25,2% | 21,6% |
| Griekenland | 23,5% | 15,8% |
| Overige | van 7,2% tot 19,6% | van 7,5% tot 15,2% |
De Raad van Bestuur van de moedermaatschappij herzag ook de boekwaarde van zijn investering in Belron. Bij de bepaling van de bedrijfswaarde heeft de moedermaatschappij de contante waarde van de geraamde toekomstige kasstromen, gebaseerd op Belron's laatste vijf jaar plan nagekeken door de Raad van Bestuur, met extrapolatie daarna (terminale groeipercentage van 2% in 2013 en 2012) berekend. De gebruikte disconteringsvoet (disconteringsvoet vóór belastingen van 9,6% in 2013 en 9,1% in 2012) is gebaseerd op de gewogen gemiddelde kost van kapitaal van het segment voertuigbeglazing. De Raad van Bestuur van de moedermaatschappij is tevreden dat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid voertuigbeglazing niet hoger ligt dan zijn bedrijfswaarde.
De voornaamste veronderstellingen van de financiële projecties ter ondersteuning van de waarde van de goodwill en de immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren omvatten groeipercentages van verkopen, operationele marges, langetermijn groeipercentages en marktaandeel. Een aantal financiële projecties werden voorbereid voor elke kasstroomgenererende eenheid, beginnend met het 2014 budget. Voor 2015 en volgende werd een veronderstelling gemaakt van geen markttoename of –afname in ontwikkelde markten en van voortgezette groei in opkomende markten. Een veronderstelling van constante of toenemende marges werd gemaakt in lijn met de groeiveronderstellingen van verkopen. De veronderstellingen qua groei van de verkopen zijn coherent met de historieke langetermijn tendens.
Toekomstige kasstromen zijn ramingen die herzien kunnen worden in toekomstige perioden als de onderliggende veronderstellingen veranderen. In het geval dat die veronderstellingen ongunstig variëren in de toekomst, zou de bedrijfswaarde van de goodwill en de immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren kunnen verminderen en lager uitkomen dan hun boekwaarde. Op basis van huidige waarderingen, blijkt er voldoende ruimte te bestaan in alle kasstroomgenererende eenheden om een normale variatie van de onderliggende veronderstellingen comfortabel te kunnen absorberen.
De volgende gevoeligheidsanalyses werden ook uitgevoerd voor elke voornaamste veronderstelling:
De gevoeligheidsanalyses zijn gebaseerd op de verandering van een veronderstelling terwijl alle anderen onveranderd blijven, zodat onderlingen afhankelijkheden tussen de veronderstellingen worden uitgesloten. Op 31 december 2013 leidden ze tot geen bijzonder waardeverminderingsverlies in de kasstroomgenererende eenheden. Bijgevolg blijkt er voldoende ruimte te bestaan in alle gevallen.
Gedurende de periode heeft de groep de volgende overnames uitgevoerd:
De bijkomende verkopen voortvloeiend uit deze overnames bedragen circa EUR 24 miljoen (circa EUR 110 miljoen als deze op de eerste dag van de periode hadden plaatsgevonden). De resultaten voortvloeiend uit deze overnames (zelfs als ze op de eerste dag van de periode hadden plaatsgevonden) worden niet als materieel beschouwd voor de groep en worden bijgevolg niet apart bekendgemaakt.
De details van de netto verworven activa, goodwill en vergoeding van de overnames worden hieronder beschreven:
| in miljoen EUR | Voorlopige reële waarde (1) |
|---|---|
| Merken | 2,7 |
| Overige immateriële vaste activa | 4,0 |
| Overige materiële vaste activa | 12,2 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 0,1 |
| Voorraden | 7,1 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 16,2 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 7,3 |
| Verplichtingen uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | -0,6 |
| Langlopende leningen | -1,6 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -1,5 |
| Kortlopende leningen | -0,1 |
| Handelsschulden en nog te betalen posten | -27,0 |
| Netto verworven activa | 18,8 |
| Goodwill (zie toelichting 11) | 47,2 |
| VERGOEDING | 66,0 |
| Uitsplitsing van de vergoeding: | |
| Contante betaling | 50,0 |
| Schatting van de reële waarde van de uitgestelde betaling ivm de overnames betaalbaar in de toekomst | 10,0 |
| Overgenomen schuld | 6,0 |
| 66,0 |
(1) De aangegeven reële waarden zijn voorlopig aangezien het integratieproces van de verworven entiteiten en hun activiteiten nog aan de gang is.
De hierboven erkende goodwill weerspiegelt de voorziene synergieën en andere beloningen voortvloeiend uit de combinatie van de overgenomen activiteiten en die van de segmenten autodistributie en voertuigbeglazing.
De reële waarde van de handelsvorderingen en overige vorderingen bedraagt EUR 16,2 miljoen en verwacht wordt dat het volledige bedrag geïnd kan worden. Bijhorende overnamekosten van EUR 8,5 miljoen zijn in de geconsolideerde winst- en verliesrekening opgenomen.
De goodwill op de overnames van 2012 werd verminderd met EUR 6,5 miljoen, wat aanpassingen aan de reële waarde van de initiële waarderingen weergegeven in toelichting 12 van de geconsolideerde jaarrekening 2012 weerspiegelt. Deze vermindering komt voornamelijk voort uit veranderingen in de reële waarde van de netto verworven activa.
De goodwill wordt geanalyseerd in toelichting 11. Alle overige immateriële vaste activa hebben beperkte gebruiksduren, tenzij anders vermeld.
| in miljoen EUR | Andere licenties en gelijk- aardige rechten |
Merken (met beperkte en onbepaalde gebruiksduur) |
Klanten- contracten |
Computer software |
Overige | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Bruto bedrag op 1 januari 2013 | 0,4 | 348,7 | 64,2 | 170,2 | 0,3 | 583,8 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen op 1 januari 2013 |
-0,4 | -22,5 | -36,7 | -93,7 | -0,3 | -153,6 |
| Boekwaarde op 1 januari 2013 | - | 326,2 | 27,5 | 76,5 | - | 430,2 |
| Toevoegingen: | ||||||
| Apart aangeworven elementen | - | - | - | 30,4 | - | 30,4 |
| Vervreemdingen | - | - | - | -0,1 | - | -0,1 |
| Afschrijvingen | - | -1,2 | -9,0 | -21,8 | -1,9 | -33,9 |
| Transfer van (naar) een andere categorie | - | 1,4 | 3,2 | - | 3,8 | 8,4 |
| Elementen aangeworven door bedrijfscombinaties | - | 2,7 | 3,8 | 0,2 | - | 6,7 |
| Omrekeningsverschillen | - | -3,4 | -1,1 | -2,7 | - | -7,2 |
| Boekwaarde op 31 december 2013 | - | 325,7 | 24,4 | 82,5 | 1,9 | 434,5 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 0,4 | 349,1 | 68,5 | 190,0 | 3,8 | 611,8 |
| gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen |
-0,4 | -23,4 | -44,1 | -107,5 | -1,9 | -177,3 |
| Bruto bedrag op 1 januari 2012 | 0,4 | 349,8 | 61,9 | 145,7 | 0,3 | 558,1 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen op 1 januari 2012 |
-0,4 | -20,2 | -29,6 | -79,2 | -0,3 | -129,7 |
| Boekwaarde op 1 januari 2012 | - | 329,6 | 32,3 | 66,5 | - | 428,4 |
| Toevoegingen: | ||||||
| Apart aangeworven elementen | - | - | - | 33,9 | - | 33,9 |
| Vervreemdingen | - | - | - | -0,2 | - | -0,2 |
| Afschrijvingen | - | -2,4 | -7,4 | -17,1 | - | -26,9 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie toelichting 9) |
- | - | - | -7,0 | - | -7,0 |
| Transfer van (naar) een andere categorie | - | - | - | 0,2 | - | 0,2 |
| Elementen aangeworven door bedrijfscombinaties | - | - | 2,6 | - | - | 2,6 |
| Omrekeningsverschillen | - | -1,0 | - | 0,2 | - | -0,8 |
| Boekwaarde op 31 december 2012 | - | 326,2 | 27,5 | 76,5 | - | 430,2 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 0,4 | 348,7 | 64,2 | 170,2 | 0,3 | 583,8 |
| gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen |
-0,4 | -22,5 | -36,7 | -93,7 | -0,3 | -153,6 |
De oorsprong van de merken met onbepaalde gebruiksduur wordt gegeven in de samenvatting van de grondslagen voor de financiële verslaggeving in toelichting 2. De merken met beperkte gebruiksduren worden lineair afgeschreven over hun resterende gebruiksduur aangezien er een voorzienbaar einde bestaat van de periode waarin die activa verondersteld worden positieve kasstromen te zullen voortbrengen. De afschrijvingen voor 2013 in commerciële- en administrative kosten bedroegen EUR 1,2 miljoen (2012: EUR 2,4 miljoen). De boekwaarde van de merken met een beperkte gebruiksduur bedroeg op 31 december 2013 EUR 3,0 miljoen (2012: EUR 1,1 miljoen), terwijl de boekwaarde van de merken met onbepaalde gebruiksduur EUR 322,7 miljoen (2012: EUR 325,1 miljoen) bedroeg. De vermindering van de boekwaarde van de merken met onbepaalde gebruiksduur komt voort uit de impact van de omrekening van de merken in vreemde valuta op 31 december 2013.
De toerekening van de merken (met onbepaalde gebruiksduren) aan kasstroomgenererende eenheden in het segment voertuigbeglazing wordt hieronder beschreven:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Verenigd Koninkrijk | 67,9 | 67,9 |
| Frankrijk | 61,9 | 61,9 |
| Duitsland | 34,8 | 34,8 |
| Nederland | 24,2 | 24,2 |
| België | 18,1 | 18,1 |
| Canada | 15,3 | 15,3 |
| Verenigde Staten | 88,2 | 90,6 |
| Spanje | 9,1 | 9,1 |
| Portugal | 2,9 | 2,9 |
| Italië | 0,3 | 0,3 |
| Boekwaarde van de merken | 322,7 | 325,1 |
De andere elementen die bekendgemaakt moeten worden volgens IAS 36 voor de immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren worden gegeven in toelichting 11.
In het segment autodistributie bestaan de ten einde looptijd aangehouden financiële activa voor een totale bedrag van EUR 298,1 miljoen (2012: EUR 211,7 miljoen) uit vaste (2013: EUR 9,7 miljoen; nil in 2012) en vlottende investeringen (2013: EUR 288,4 miljoen; 2012: EUR 211,7 miljoen) in corporate commercial papers en in staatsleningen met hoge creditratings. Die investeringen zijn aanzienlijk vermeerderd met de opbrengst van de verkoop van de Avis Europe aandelen en met de netto kasinstroom uit de oprichting van Volkswagen D'Ieteren Finance (VDFin) en de inbreng van alle D'Ieteren Lease aandelen in VDFin.
De reële waarde van vaste ten einde looptijd aangehouden investeringen bedraagt EUR 9,9 miljoen (zie toelichting 37 voor de reële waarde hiërarchie). De reële waarde van vlottende ten einde looptijd aangehouden investeringen benadert hun boekwaarde.
| in miljoen EUR | Onroerend goed |
Installaties en uitrusting |
Activa in aanbouw |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Bruto bedrag op 1 januari 2013 | 410,0 | 648,9 | 5,4 | 1.064,3 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen op 1 januari 2013 |
-193,2 | -414,7 | - | -607,9 |
| Boekwaarde op 1 januari 2013 | 216,8 | 234,2 | 5,4 | 456,4 |
| Toevoegingen | 15,3 | 75,2 | 7,6 | 98,1 |
| Vervreemdingen | -0,9 | -5,0 | - | -5,9 |
| Afschrijvingen | -21,0 | -69,5 | -0,8 | -91,3 |
| Transfer van (naar) een andere categorie | 2,4 | 0,9 | -2,7 | 0,6 |
| Elementen aangeworven door bedrijfscombinaties | 9,0 | 3,2 | - | 12,2 |
| Omrekeningsverschillen | -3,8 | -8,1 | - | -11,9 |
| Boekwaarde op 31 december 2013 | 217,8 | 230,9 | 9,5 | 458,2 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 426,1 | 667,5 | 9,5 | 1.103,1 |
| gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen |
-208,3 | -436,6 | - | -644,9 |
| Bruto bedrag op 1 januari 2012 | 377,9 | 595,3 | 8,6 | 981,8 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen op 1 januari 2012 |
-178,2 | -367,3 | - | -545,5 |
| Boekwaarde op 1 januari 2012 | 199,7 | 228,0 | 8,6 | 436,3 |
| Toevoegingen | 34,3 | 79,7 | 2,4 | 116,4 |
| Vervreemdingen | -1,0 | -6,0 | - | -7,0 |
| Afschrijvingen | -20,0 | -70,2 | -1,2 | -91,4 |
| Bijzondere waardeverminderingsverlies (zie toelichting 9) | - | -0,4 | - | -0,4 |
| Transfer van (naar) een andere categorie | 3,6 | 0,8 | -4,4 | - |
| Elementen aangeworven door bedrijfscombinaties | 0,5 | 2,8 | - | 3,3 |
| Omrekeningsverschillen | -0,3 | -0,5 | - | -0,8 |
| Boekwaarde op 31 december 2012 | 216,8 | 234,2 | 5,4 | 456,4 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 410,0 | 648,9 | 5,4 | 1.064,3 |
| gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen |
-193,2 | -414,7 | - | -607,9 |
Op 31 december 2013 en 2012 bevatten de activa in aanbouw hoofdzakelijk onroerende goederen in aanbouw in het segment autodistributie.
Activa waarvoor een financiële leaseovereenkomst wordt afgesloten zijn hierboven opgenomen voor de volgende bedragen:
| in miljoen EUR | Onroerend goed |
Installaties en uitrusting |
Activa in aanbouw |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| 31 december 2013 | - | 40,5 | - | 40,5 |
| 31 december 2012 | - | 48,7 | - | 48,7 |
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Bruto bedrag op 1 januari | 12,7 | 12,8 |
| Gecumuleerde afschrijvingen op 1 januari | -7,6 | -7,2 |
| Boekwaarde op 1 januari | 5,1 | 5,6 |
| Toevoegingen | 0,1 | - |
| Vervreemdingen | - | -0,1 |
| Afschrijvingen | -0,4 | -0,4 |
| Boekwaarde op 31 december | 4,8 | 5,1 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 12,8 | 12,7 |
| gecumuleerde afschrijvingen | -8,0 | -7,6 |
| Reële waarde | 10,1 | 10,1 |
De reële waarde wordt ondersteund door marktgegevens en is gebaseerd op een waardering uitgevoerd door een onafhankelijke taxateur die in het bezit is van een relevante en erkende beroepskwalificatie en beschikt over recente ervaring met de ligging en categorie van de vastgoedbeleggingen in het bezit van de groep. De laatste beschikbare waarderingen dateren van maart 2010 en augustus 2012.
Alle vastgoedbeleggingen situeren zich in België en behoren tot het segment autodistributie.
Zie ook toelichtingen 5 en 38 voor andere informatie over vastgoedbeleggingen.
Voor verkoop beschikbare financiële activa zijn financiële activa met uitsluiting van derivaten die worden aangeduid als voor verkoop beschikbaar of die niet worden weergegeven als (i) leningen en vorderingen, (ii) tot einde looptijd aangehouden beleggingen of (iii) voor handelsdoeleinden aangehouden financiële activa.
| 2013 | 2012 | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Boekwaarde | Reële waarde | Boekwaarde | Reële waarde |
| Overige | 0,5 | 0,5 | 0,5 | 0,5 |
| Totaal voor verkoop beschikbare fi nanciële activa | 0,5 | 0,5 | 0,5 | 0,5 |
In 2013 en 2012 bevatten de voor verkoop beschikbare financiële activa belangen zonder zeggenschap in niet genoteerde ondernemingen (gemeten tegen aanschaffingswaarde minus eventuele gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen, zijnde een benadering van hun reële waarde) aangehouden door het segment autodistributie. Ze worden beschouwd als vaste activa en zullen waarschijnlijk niet verkocht worden binnen de 12 maanden. Ze kunnen echter gedeeltelijk of geheel verkocht worden in de nabije toekomst, afhankelijk van de opportuniteiten die zich voordoen.
Voor afdekking aangehouden derivaten zijn derivaten die aan de strikte criteria van IAS 39 voor de toepassing van hedge accounting beantwoorden. Ze vertegenwoordigen economische afdekkingen tegen risico's waaraan de groep blootgesteld wordt (zie toelichting 37).
Voor afdekking aangehouden derivaten worden als volgt in de balans voorgesteld:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | 0,6 | 0,1 |
| Kortlopende verplichtingen | -0,1 | -0,1 |
| Netto voor afdekking aangehouden derivaten | 0,5 | - |
Voor afdekking aangehouden derivaten worden als volgt geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Termijncontracten in vreemde valuta (niet met schulden verbonden derivaten) | 0,5 | - |
| Netto voor afdekking aangehouden derivaten | 0,5 | - |
In 2013 en 2012 worden alle voor afdekking aangehouden derivaten erkend in het segment voertuigbeglazing.
Er wordt verwacht dat het langlopende gedeelte van de voor afdekking aangehouden derivaten na meer dan 12 maanden geregeld wordt; het kortlopende gedeelte binnen de 12 maanden.
De reële waarden worden berekend op basis van waarderingstechnieken. De groep gebruikt verschillende methodes gebaseerd op veronderstellingen die de marktvoorwaarden op de balansdatum weerspiegelen. De reële waarde van de termijncontracten in vreemde valuta wordt opgesteld op basis van de termijnwisselkoersen op de markt op balansdatum.
De referentiebedragen van de openstaande voor afdekking aangehouden derivaten bedragen:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Termijncontracten in vreemde valuta (niet met schulden verbonden derivaten) | 32,2 | 55,7 |
Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten zijn derivaten die aan de strikte criteria van IAS 39 voor de toepassing van hedge accounting niet beantwoorden. Ze vertegenwoordigen echter economische afdekkingen tegen risico's waaraan de groep wordt blootgesteld (zie toelichting 37).
Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten worden als volgt in de balans voorgesteld:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | ||
| Derivaten ivm schulden | ||
| Rentevoetswaps | 5,9 | 8,7 |
| Niet met schulden verbonden derivaten | ||
| Brandstofafdekkingsinstrumenten | 1,5 | 0,8 |
| Subtotaal | 7,4 | 9,5 |
| Langlopende verplichtingen | ||
| Derivaten ivm schulden | ||
| Rentevoetswaps | -14,1 | -6,9 |
| Subtotaal | -14,1 | -6,9 |
| Kortlopende verplichtingen | ||
| Derivaten ivm schulden | ||
| Rentevoetswaps | -0,2 | -1,7 |
| Termijncontracten in vreemde valuta | -1,1 | -0,1 |
| Niet met schulden verbonden derivaten | ||
| Termijncontracten in vreemde valuta | - | -0,3 |
| Subtotaal | -1,3 | -2,1 |
| NETTO VOOR HANDELSDOELEINDEN AANGEHOUDEN DERIVATEN | -8,0 | 0,5 |
In het segment voertuigbeglazing werd een combinatie van opties, caps en collars (gezamenlijk "Brandstofafdekkingsinstrumenten") gebruikt om de prijs van de brandstofaankopen af te dekken. De reële waarde van brandstofafdekkingsinstrumenten wordt bepaald op basis van marktwaarderingen voorbereid door de banken die de initiële transacties uitvoerden op balansdatum. Die marktwaarderingen zijn gebaseerd op de contante waarde van de maandelijkse futures forward curve voor benzine gezien het afgedekte volume en de contractperiode. Termijncontracten in vreemde valuta werden ook gebruikt om kasinstromen en kasuitstromen in vreemde valuta te laten overeenkomen en om balansen in vreemde valuta om te ruilen om de interestbedragen van cash pooling te minimaliseren.
In 2013 werden termijncontracten in vreemde valuta gebruikt in het segment voertuigbeglazing om de toekomstige USD kasstromen van bepaalde Amerikaanse onderhandse leningen af te dekken. Als gevolg van de invoering van IFRS 13 "Reële waarde waardering" werd de boekwaarde van bepaalde passiva met EUR 1,6 miljoen verminderd.
De reële waarden worden berekend op basis van waarderingstechnieken. De groep gebruikt verschillende methodes gebaseerd op veronderstellingen die de marktvoorwaarden op de balansdatum weerspiegelen. De reële waarde van de CCIRS en van de rentevoetswaps ("IRS") wordt berekend op basis van de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen. De reële waarde van de caps wordt berekend dankzij waarderingsmodellen voor opties. De reële waarde van de termijncontracten in vreemde valuta wordt opgesteld op basis van de termijnwisselkoersen op de markt op balansdatum. De reële waarden van de forward rate agreements worden berekend op basis van de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen.
De referentiebedragen van de openstaande voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten bedragen:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Rentevoetswaps | 350,3 | 590,3 |
| Termijncontracten en -opties in vreemde valuta | 78,3 | 30,8 |
| Brandstofafdekkingsinstrumenten | 21,7 | 11,9 |
Langetermijnpersoneelsbeloningen bevatten de personeelsbeloningen na uitdiensttreding en andere personeelsbeloningen op lange termijn. De personeelsbeloningen na uitdiensttreding worden hieronder geanalyseerd. Andere personeelsbeloningen op lange termijn worden opgenomen onder de langlopende voorzieningen of langlopende overige schulden, en worden, indien materieel, apart vermeld in de desbetreffende toelichting.
Personeelsbeloningen na uitdiensttreding zijn beperkt tot pensioenplannen. Indien toepasbaar dragen de entiteiten van de groep bij tot de desbetreffende wettelijke pensioenregelingen. Bepaalde entiteiten van de groep beheren regelingen die pensioenuitkeringen verschaffen, inclusief degene met vaste vergoedingen, die in de meeste gevallen gefinancierd worden door investeringen buiten de groep. De informatie in verband met toegezegd-pensioenregelingen inzake bijdragen na uitdiensttreding wordt weergegeven in toelichting 35.
De comparatieve informatie voor 2012 en de geconsolideerde balans op 1 januari 2012 werden aangepast voor IAS 19 Revised. Zie toelichting 2.2. voor uitleg over de impact.
De groep heeft pensioenregelingen voor zijn werknemers op verschillende locaties. De belangrijkste regelingen bevinden zich in België, het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Canada en de Verenigde Staten. De regelingen in België hebben betrekking op het segment autodistributie en zijn gefinancierd en niet-gefinancierd. Alle andere hebben betrekking op het segment voertuigbeglazing en zijn gefinancierd. Er worden indien nodig onafhankelijke actuariële schattingen verricht voor de plannen in deze landen. De groep voldoet volledig aan alle lokale beheer- en financieringsvereisten, en dat is altijd zo geweest.
De algemene beleggingsbeleidslijnen en -strategie voor de toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding van de groep worden gestuurd door de doelstelling om een investeringsrendement te realiseren en garanderen, samen met de bijdragen, dat er voldoende activa zullen zijn om pensioenvoordelen uit te betalen als ze verschuldigd worden, terwijl tegelijkertijd ook de verschillende risico's van de plannen beperkt worden. De beleggingsstrategieën voor de plannen worden beheerd volgens de lokale wetten en reglementeringen in elk rechtsgebied. De activatoewijzing wordt bepaald door de huidige en verwachte economische en marktomstandigheden en rekening houdend met specifieke risico's van activaklassen en risicoprofielen. Bovendien wordt er rekening gehouden met de termijnplanning van de passiva van de regeling. Met uitzondering van de regeling in Nederland zijn er geen activa met matching van activa en passiva. De beslissing om eventuele activa met matching van activa en passiva aan te kopen zou onafhankelijk worden genomen door het verantwoordelijke beheerorgaan in elk land.
De groep beheert één toegezegd-pensioenregeling inzake vergoedingen na uitdiensttreding in België die in 2005 werd afgesloten voor nieuwe leden. Het pensioenkapitaalplan wijst een percentage van het jaarloon toe aan de pensioenopbouw, percentage dat vermeerderd wordt tot het vertrek op pensioen tot een maximum van 4%. In december 2013 werd een volledige actuariële waardering van het plan uitgevoerd door een erkende onafhankelijke actuaris. Om de drie jaar worden de volledige IAS19-metingen uitgevoerd, en in tussentijd worden roll-forwards uitgevoerd.
De groep beheert één toegezegd-pensioenregeling inzake vergoedingen na uitdiensttreding in het Verenigd Koninkrijk die in 2003 en 2011 werd afgesloten voor nieuwe leden. Het pensioenkapitaalplan wijst een percentage van het jaarloon toe aan de pensioenopbouw, percentage dat vermeerderd wordt tot het vertrek op pensioen tot een maximum van 5%. Er werd door een erkende onafhankelijke actuaris een volledige actuariële waardering van het Britse plan uitgevoerd per 31 maart 2012 en bijgewerkt tot 31 december 2013. De financieringswaarderingen gebeuren om de drie jaar en bepalen de bijdragevereiste aan het plan. Het pensioenplan wordt beheerd door een reeks trustees, waarvan sommige aangesteld zijn door de groep en sommige door de leden.
De groep beheert meerdere toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding in Canada. Twee van deze plannen zijn afgesloten voor nieuwe leden. De volledige actuariële waarderingen van deze plannen werden het laatst uitgevoerd per 31 december 2011 en per 31 december 2012. Al deze waarderingen werden tot 31 december 2013 bijgewerkt door een erkende onafhankelijke actuaris. Om de 3 jaar wordt een volledige waardering van de plannen uitgevoerd.
De groep beheert één toegezegd-pensioenregeling inzake vergoedingen na uitdiensttreding in Nederland. Tot 1 januari 2006 bestond er een eindloonregeling. De pensioenrechten die krachtens deze regeling opgebouwd worden, worden bewaard in het kader van een contract met de verzekeringsmaatschappij. Sinds 1 januari 2006 is een middelloonregeling van kracht en heeft de werkgever een contract met een verzekeringsmaatschappij om de pensioenvoordelen van het nieuwe plan te dekken. Er werd door een erkende onafhankelijke actuaris met het oog op de financiële verslaggeving een actuariële waardering van het Nederlandse plan uitgevoerd per 31 december 2012. Er wordt elk jaar een volledige waardering uitgevoerd van de activa en passiva van het plan.
De groep beheert één toegezegd-pensioenregeling inzake vergoedingen na uitdiensttreding in de Verenigde Staten, die afgesloten werd voor toekomstige aangroei. Op 31 december 2012 werd een volledige waardering uitgevoerd door een erkende onafhankelijke actuaris. Het pensioenplan wordt beheerd door een pensioenplancomité waarvan alle leden aangesteld zijn door de groep. Er wordt elk jaar een volledige waardering uitgevoerd van de activa en passiva van het plan.
De groep erkent alle actuariële winsten en verliezen direct in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde- en niet gerealiseerde resultaten.
De belangrijkste actuariële veronderstellingen zijn de volgende (aangezien er meerdere regelingen bestaan binnen de groep worden rangschikkingen gegeven):
| Gefinancierde regelingen | Niet-gefinancierde regelingen | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | 2013 | 2012 | |||||
| Min. | Max. | Min. | Max. | Min. | Max. | Min. | Max. | |
| Infl atiepercentage | 2,0% | 3,5% | 2,0% | 3,0% | 2,0% | 2,0% | 2,0% | 2,0% |
| Disconteringsvoet | 2,6% | 4,7% | 2,5% | 4,6% | 0,2% | 2,9% | 0,0% | 2,4% |
| Loonsverhoging | 1,0% | 5,2% | 1,0% | 4,7% | 2,1% | 2,1% | 3,3% | 3,3% |
| Pensioenverhoging | 2,0% | 3,5% | 1,0% | 3,0% | 0,2% | 0,2% | 4,0% | 4,0% |
| Levensverwachting van mannelijke gepensioneerde |
21,1 | 23,4 | 19,5 | 23,3 | ||||
| Levensverwachting van vrouwelijke gepensioneerde |
22,9 | 26,3 | 22,0 | 24,9 | ||||
| Levensverwachting van mannelijke niet gepensioneerde |
40,0 | 45,2 | 39,5 | 45,1 | ||||
| Levensverwachting van vrouwelijke niet gepensioneerde |
42,3 | 47,0 | 41,5 | 46,9 |
De gewogen gemiddelde duur van de verplichtingen van de plannen varieërt tussen 9 en 22 jaren.
De bedragen opgenomen in de balans worden als volgt samengevat:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 (1) |
|---|---|---|
| Activa uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | 34,2 | 54,9 |
| Verplichtingen uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | -27,2 | -57,9 |
| Erkend netto tekort (-) / overschot (+) in de regelingen | 7,0 | -3,0 |
| bestaande uit: bedrag dat geregeld zou moeten worden binnen de 12 maanden | -0,7 | -0,7 |
| bedrag dat geregeld zou moeten worden na meer dan 12 maanden | 7,7 | -2,3 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
De bedragen opgenomen in de balans worden als volgt geanalyseerd:
| 2013 | 2012 (1) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal | |
| Contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegd-pensioenregelingen |
-463,3 | -4,4 | -467,7 | -424,5 | -4,1 | -428,6 | |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 477,9 | - | 477,9 | 425,6 | - | 425,6 | |
| Beleggingsplafond | -3,2 | - | -3,2 | - | - | - | |
| Erkend netto tekort (-) / overschot (+) in de regelingen |
11,4 | -4,4 | 7,0 | 1,1 | -4,1 | -3,0 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
Het beleggingsplafond betreft de pensioenregeling in Canada en is het gevolg van vereiste dekkingsgraden met betrekking tot reeds ontvangen diensten. De wetgever heeft een wet uitgevaardigd waardoor een werkgever een kredietbrief mag gebruiken om de solvabiliteitsevenwichtbijdragen te dekken tot een limiet van 15% van de solvabiliteitspassiva. De inzet om een kredietbrief te gebruiken is niet essentieel maar het is eerder het vermogen om de solvabiliteitsvereiste te vermijden die het voor de entiteiten mogelijk maakt om solvabiliteitsevenwichtbijdragen te ontwijken zoals bepaald door IFRIC 14 "De limiet voor een actief uit hoofde van een toegezegdpensioenregeling, vereisten inzake minimale financiering en de wisselwerking hiertussen". Solvabiliteitsevenwichtbijdragen boven de limiet moeten echter inbegrepen zijn in de berekeningen volgens IFRIC 14, zoals dit het geval is op 31 december 2013.
De bedragen opgenomen in het overzicht van gerealiseerde- en niet-gerealiseerde resultaten zijn de volgende:
| 2013 | 2012 (1) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal | |
| Effectief rendement verminderd met renteopbrengst op fondsbeleggingen, netto van beheerkost van fondsbeleggingen |
40,4 | - | 40,4 | 30,4 | - | 30,4 | |
| Beleggingsplafond | -3,2 | - | -3,2 | - | - | - | |
| Ervaringswinsten (+) / -verliezen (-) op verplichtingen |
-10,6 | - | -10,6 | 5,8 | - | 5,8 | |
| Winsten (+) / Verliezen (-) in de wijzigingen van de fi nanciële overwegingen |
-21,8 | - | -21,8 | -23,2 | - | -23,2 | |
| Winsten (+) / Verliezen (-) in de wijzigingen van de demografi sche overwegingen |
-2,3 | - | -2,3 | 2,0 | - | 2,0 | |
| Actuariële winsten (+) / verliezen (-) | 2,5 | - | 2,5 | 15,0 | - | 15,0 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
De reële waarde van de fondsbeleggingen bevat de volgende elementen:
| 2013 | 2012 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Genoteerd op een actieve markt |
Overige | Totaal | Genoteerd op een actieve markt |
Overige | Totaal |
| Aandelen | 289,2 | - | 289,2 | 242,6 | - | 242,6 |
| Regeringsobligaties | 84,0 | - | 84,0 | 73,5 | - | 73,5 |
| Andere obligaties | 62,8 | - | 62,8 | 62,4 | - | 62,4 |
| Onroerende goederen | - | 0,1 | 0,1 | - | 0,1 | 0,1 |
| Overige activa | 4,9 | 36,9 | 41,8 | 4,3 | 42,7 | 47,0 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 440,9 | 37,0 | 477,9 | 382,8 | 42,8 | 425,6 |
De reële waarde van de fondsbeleggingen bevat geen onroerende goederen of andere activa gebruikt door de groep, alsook geen door de groep uitgegeven financiële instrumenten. Alle aandelen en obligaties zijn genoteerd op actieve markten en zijn van hoge kwaliteit. Overige activa bestaan meestal uit geldmiddelen en uit met passiva overeengekomen verzekerde activa (met betrekking tot het plan in Nederland).
De wijzigingen in de reële waarde van de fondsbeleggingen zijn de volgende:
| 2013 | 2012 (1) | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal |
| Fondsbeleggingen op 1 januari | 425,6 | - | 425,6 | 363,6 | - | 363,6 |
| Renteopbrengst op fondsbeleggingen | 18,0 | - | 18,0 | 17,2 | - | 17,2 |
| Bijdragen betaald door de groep | 15,6 | - | 15,6 | 17,4 | - | 17,4 |
| Bijdragen betaald door de werknemers | 3,1 | - | 3,1 | 3,5 | - | 3,5 |
| Beloningen betaald aan de begunstigden | -10,1 | - | -10,1 | -10,7 | - | -10,7 |
| Effectief rendement verminderd met renteopbrengst op fondsbeleggingen |
41,4 | - | 41,4 | 31,1 | - | 31,1 |
| Beheerkost van fondsbeleggingen | -1,0 | - | -1,0 | -0,7 | - | -0,7 |
| Administratieve kosten | -1,5 | - | -1,5 | -1,8 | - | -1,8 |
| Omrekeningsverschillen | -13,2 | - | -13,2 | 6,0 | - | 6,0 |
| Fondsbeleggingen op 31 december | 477,9 | - | 477,9 | 425,6 | - | 425,6 |
Het effectieve rendement op de fondsbeleggingen is als volgt:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 (1) |
|---|---|---|
| Renteopbrengst op fondsbeleggingen | 18,0 | 17,2 |
| Effectief rendement verminderd met renteopbrengst op fondsbeleggingen | 41,4 | 31,1 |
| Beheerkost van fondsbeleggingen | -1,0 | -0,7 |
| Effectief netto rendement op fondsbeleggingen | 58,4 | 47,6 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
De wijzigingen in de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegd-pensioenregeling zijn de volgende:
| 2013 | 2012 (1) | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal |
| Brutoverplichting uit hoofde van toegezegd-pensioenregeling op 1 januari vóór aanpassing |
-424,5 | -4,1 | -428,6 | -388,8 | -3,4 | -392,2 |
| Aanpassing | - | - | - | 0,3 | - | 0,3 |
| Brutoverplichting uit hoofde van toegezegd-pensioenregeling op 1 januari na aanpassing |
-424,5 | -4,1 | -428,6 | -388,5 | -3,4 | -391,9 |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | -8,4 | -0,6 | -9,0 | -5,7 | -1,4 | -7,1 |
| Betaalbare interesten op pensioenverplichtingen | -17,5 | - | -17,5 | -17,7 | -0,1 | -17,8 |
| Bijdragen betaald door de werknemers | -3,1 | - | -3,1 | -3,5 | - | -3,5 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | 1,4 | - | 1,4 | - | - | - |
| Beloningen betaald aan de begunstigden | 10,1 | 0,8 | 10,9 | 10,7 | 0,8 | 11,5 |
| Ervaringswinsten (+) / -verliezen (-) op verplichtingen | -10,6 | - | -10,6 | 5,6 | - | 5,6 |
| Winsten (+) / Verliezen (-) in de wijzigingen van de fi nanciële overwegingen |
-21,8 | - | -21,8 | -23,1 | - | -23,1 |
| Winsten (+) / Verliezen (-) in de wijzigingen van de demografi sche overwegingen |
-2,3 | - | -2,3 | 2,0 | - | 2,0 |
| Inperkingen en afwikkelingen | 0,5 | - | 0,5 | 1,1 | - | 1,1 |
| Verandering in de groep | - | -0,5 | -0,5 | - | - | - |
| Omrekeningsverschillen | 12,9 | - | 12,9 | -5,4 | - | -5,4 |
| Brutoverplichting uit hoofde van toegezegd-pensioenregeling op 31 december |
-463,3 | -4,4 | -467,7 | -424,5 | -4,1 | -428,6 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
De bedragen opgenomen in de winst- en verliesrekening zijn de volgende:
| 2013 | 2012 (1) | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Gefinan- ci erde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal | Gefinan- cierde regelingen |
Niet-gefi- nancierde regelingen |
Totaal | ||
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | -8,4 | -0,6 | -9,0 | -5,7 | -1,4 | -7,1 | ||
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | 1,4 | - | 1,4 | - | - | - | ||
| Impact van inperkingen en afwikkelingen | 0,5 | - | 0,5 | 1,1 | - | 1,1 | ||
| Administratieve kosten | -1,5 | - | -1,5 | -1,8 | - | -1,8 | ||
| Pensioenkosten opgenomen in bedrijfsresultaat | -8,0 | -0,6 | -8,6 | -6,4 | -1,4 | -7,8 | ||
| Betaalbare interesten op pensioenverplichtingen | -17,5 | - | -17,5 | -17,7 | -0,1 | -17,8 | ||
| Renteopbrengst op fondsbeleggingen | 18,0 | - | 18,0 | 17,2 | - | 17,2 | ||
| Pensioenkostenopgenomen in netto fi nancieringskosten | 0,5 | - | 0,5 | -0,5 | -0,1 | -0,6 | ||
| Kost opgenomen in de winst- en verliesrekening | -7,5 | -0,6 | -8,1 | -6,9 | -1,5 | -8,4 |
De beste schatting van de bijdragen die naar verwachting aan de regelingen zullen worden gedaan in 2014 bedraagt EUR 14 miljoen.
De verplichtingen uit hoofde van de toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding zijn berekend op basis van een aantal actuariële overwegingen (inclusief onder andere: mortaliteit, disconteringsvoet van toekomstige betalingen, loonsverhogingen, verandering van het personeel, enz.). De verplichtingen zouden kunnen vermeerderen als die overwegingen veranderen in de toekomst. De activa uit hoofde van de toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding worden geïnvesteerd in een gediversifieerde portfolio, met een rendement dat waarschijnlijk volatiel zal zijn in de toekomst. Het tekort zou kunnen vermeerderen (het overschot zou kunnen verminderen) als het rendement van die beleggingen onvoldoend zou zijn.
De volgende tabel stelt een gevoeligheidsanalyse voor voor elke belangrijke actuariele veronderstelling. Het toont aan hoe veranderingen in de relevante actuariele veronderstelling de toegezegd-pensioenregeling inzake vergoedingen na uitdiensttreding op 31 december 2013 zouden hebben beïnvloed. Die gevoeligheidsanalyse betreft alleen de brutoverplichting uit hoofde van toegezegd-pensioenregeling inzake vergoedingen na uitdiensttreding en niet de volledige netto toegezegd-pensioenverplichting, gezien zijn waardering afhankelijk is van meerdere factoren waaronder, bovenop die veronderstellingen, de reële waarde van de fondsbeleggingen.
| in miljoen EUR | (Vermeerdering) / Vermindering in toegezegd-pensioenverplichting op 31 december 2013 |
|---|---|
| Disconteringsvoet | |
| Vermeerdering met 50 basispunten | 47,6 |
| Vermindering met 50 basispunten | -55,4 |
| Loonsverhoging | |
| Vermeerdering met 50 basispunten | -7,8 |
| Vermindering met 50 basispunten | 7,7 |
| Infl atiepercentage | |
| Vermeerdering met 50 basispunten | -12,4 |
| Vermindering met 50 basispunten | 12,3 |
| Pensioenverhoging | |
| Vermeerdering met 50 basispunten | -21,9 |
| Vermindering met 50 basispunten | 22,1 |
| Levensverwachting | |
| Vermeerdering met één additioneel jaar | -14,1 |
De gevoeligheidsanalyse is gebaseerd op de verandering van een veronderstelling terwijl alle anderen onveranderd blijven, zodat onderlinge afhankelijkheden tussen de veronderstellingen worden uitgesloten.
Er bestaat een pensioenplan in België juridisch gestructureerd als een pensioenplan met vaste vergoedingen. Door de toepasbare Belgische wetgeving worden alle Belgische pensioenplannen met vaste bijdragen beschouwd onder IFRS als pensioenplannen met vaste vergoedingen omdat de werkgever een minimum rendement op de werkgever- en werknemerbijdragen moet garanderen. Daardoor wordt de groep blootgesteld aan een financieel risico (wettelijke verplichting om bijkomende bijdragen te betalen indien het fonds over niet voldoende activa beschikt om alle werknemersvoordelen te betalen). De groep heeft een schatting gemaakt van de potentiële impact en die wordt als niet belangrijk beschouwd.
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd wanneer er een juridisch afdwingbaar recht bestaat om actuele belastingvorderingen te compenseren met actuele belastingverplichtingen en wanneer de uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen verband houden met belastingen op het resultaat die door dezelfde belastingautoriteit worden geheven.
De wijzigingen in de uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen van de periode en de voorgaande periode zijn de volgende:
| in mijoen EUR | Herwaar- deringen |
Afschrij vingen en waarde- verminde ringen |
Voor- zieningen |
Divi- denden |
Invorder- bare fiscale verliezen |
Financiële instru- menten |
Overige | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Uitgestelde belastingverplichtingen (negatieve bedragen) |
||||||||
| Op 1 januari 2012 | -11,6 | -17,8 | -5,6 | -1,5 | -2,7 | -8,5 | 2,1 | -45,6 |
| Credit (debet) in de winst- en verliesrekening | -1,6 | -6,3 | 1,3 | 1,5 | 2,6 | 3,2 | 0,7 | 1,4 |
| Credit (debet) in eigen vermogen | - | - | 0,5 | - | - | - | -0,5 | - |
| Overige wijzigingen | - | -0,2 | - | - | - | - | - | -0,2 |
| Omrekeningsverschillen | - | 1,6 | - | - | - | - | 0,1 | 1,7 |
| Op 31 december 2012 (1) | -13,2 | -22,7 | -3,8 | - | -0,1 | -5,3 | 2,4 | -42,7 |
| Credit (debet) in de winst- en verliesrekening | - | -3,7 | 5,9 | -1,0 | 0,1 | 3,4 | -0,8 | 3,9 |
| Credit (debet) in eigen vermogen | - | -0,8 | - | - | - | - | 0,7 | -0,1 |
| Overige wijzigingen | - | -2,6 | - | - | - | - | - | -2,6 |
| Omrekeningsverschillen | - | 3,8 | -0,6 | - | - | - | -0,1 | 3,1 |
| Op 31 december 2013 | -13,2 | -26,0 | 1,5 | -1,0 | - | -1,9 | 2,2 | -38,4 |
| Uitgestelde belastingvorderingen (positieve bedragen) |
||||||||
| Op 1 januari 2012 | - | -51,8 | 37,8 | - | 62,6 | - | 5,7 | 54,3 |
| Credit (debet) in de winst- en verliesrekening | - | -25,2 | 34,2 | - | -3,5 | 0,1 | -1,5 | 4,1 |
| Credit (debet) in eigen vermogen | - | 0,5 | -3,4 | - | - | - | - | -2,9 |
| Overige wijzigingen | - | - | - | - | -0,5 | - | - | -0,5 |
| Omrekeningsverschillen | - | -0,4 | -0,8 | - | - | - | - | -1,2 |
| Op 31 december 2012 (1) | - | -76,9 | 67,8 | - | 58,6 | 0,1 | 4,2 | 53,8 |
| Credit (debet) in de winst- en verliesrekening | - | -1,8 | -16,3 | - | 11,9 | - | 0,4 | -5,8 |
| Credit (debet) in eigen vermogen | - | - | -2,2 | - | - | - | - | -2,2 |
| Overige wijzigingen | - | - | - | - | -0,1 | - | - | -0,1 |
| Omrekeningsverschillen | - | - | -1,9 | - | -2,0 | - | -0,2 | -4,1 |
| Op 31 december 2013 | - | -78,7 | 47,4 | - | 68,4 | 0,1 | 4,4 | 41,6 |
| Netto belastingvorderingen (-verplichtingen) na compensatie in de geconsolideerde balans erkend: |
||||||||
| 31 december 2012 | -13,2 | -99,6 | 64,0 | - | 58,5 | -5,2 | 6,6 | 11,1 |
| 31 december 2013 | -13,2 | -104,7 | 48,9 | -1,0 | 68,4 | -1,8 | 6,6 | 3,2 |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
De netto uitgestelde belastingsbalans bevat netto uitgestelde belastingvorderingen voor een bedrag van EUR 5,9 miljoen (2012: EUR 8,5 miljoen) waarvan de terugboeking verwacht wordt tijdens het volgende jaar. Dit netto bedrag zou echter niet teruggeboekt kunnen worden zoals oorspronkelijk voorzien omwille van de lage voorspelbaarheid van de wijzigingen in de uitgestelde belastingen.
Op de balansdatum heeft de groep ongebruikte fiscale verliezen en kredieten van EUR 239,8 miljoen (2012: EUR 218,2 miljoen) ter beschikking ter compensatie van toekomstige winsten, waarvoor geen uitgestelde belastingvordering erkend werd bij gebrek aan voorzienbare toekomstige winsten. Het bevat ongebruikte fiscale verliezen van EUR 10,3 miljoen (2012: EUR 4,2 miljoen) die zullen vervallen in de periode 2015-2032 (2012: 2015-2028) en ongebruikte fiscale kredieten van EUR 36,8 miljoen (2012: EUR 38,6 miljoen) die zullen vervallen in de periode 2017-2018 (2012: 2017-2019). Andere verliezen zouden eindeloos overgedragen kunnen worden.
Er werd geen uitgestelde belasting erkend in verband met de overige tijdelijke verschillen voor een bedrag van EUR 5,7 miljoen (2012: EUR 11,8 miljoen) omwille van de lage voorspelbaarheid van de toekomstige winsten.
Op balansdatum bedraagt het totaalbedrag van tijdelijke verschillen die verband houden met investeringen in dochterondernemingen, filialen, geassocieerde ondernemingen en belangen in joint ventures (zijnde vooral de gecumuleerde positieve geconsolideerde reserves van die entiteiten) waarvoor geen uitgestelde belastingverplichtingen zijn opgenomen EUR 1.080,6 miljoen (2012: EUR 1.019,0 miljoen). Geen uitgestelde belastingverplichting werd erkend voor die verschillen omdat de groep in staat is het moment waarop die verschillen teruggeboekt zullen worden te bepalen en het duidelijk is dat deze verschillen niet teruggeboekt zullen worden in de nabije toekomst. Er zou op gewezen moeten worden dat de terugboeking van die tijdelijke verschillen, bijvoorbeeld door de uitkering van dividenden door dochterondernemingen aan de moedermaatschappij, geen of bijna geen impact zou hebben op de actuele belastingen.
Uitgestelde belastingvorderingen bedragen EUR 41,6 miljoen (2012: EUR 53,8 miljoen) waarvan het gebruik afhankelijk is van toekomstige belastbare winsten die groter zijn dan de winsten die voortvloeien uit de afwikkeling van bestaande belastbare tijdelijke verschillen. De erkenning van die uitgestelde belastingvorderingen wordt ondersteund door winstverwachtingen in de nabije toekomst.
Uitgestelde belastingvorderingen worden erkend op voorwaarde dat er voldoende waarschijnlijkheid bestaat over hun regeling binnen een afzienbare tijd. De terugvorderbaarheid werd voorzichtig beoordeeld. In het geval dat de voorwaarden voor deze regeling zich niet zouden voordoen in de toekomst, zou de actuele boekwaarde van de uitgestelde belastingvorderingen verminderd kunnen worden.
De overige vorderingen opgenomen onder de vaste activa zijn samengesteld uit borgtochten en uit een lening toegestaan aan een minderheidsaandeelhouder van Belron. De lening toegestaan aan een minderheidsaandeelhouder van Belron wordt volledig gewaarborgd door een pand. Hun boekwaarde benadert hun reële waarde. De lening toegestaan aan een minderheidsaandeelhouder van Belron brengt interest op tegen een interestvoet met als referentie de heersende EURIBOR en de overige vaste vorderingen brengen over het algemeen geen interest op. Er wordt verwacht dat ze na meer dan 12 maanden terugbetaald zullen worden.
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Autodistributie | ||
| Voertuigen | 252,1 | 279,5 |
| Wisselstukken en accessoires | 31,3 | 32,5 |
| Overige | 1,6 | 1,8 |
| Subtotaal | 285,0 | 313,8 |
| Voertuigbeglazing | ||
| Glas en bijhorende producten | 254,3 | 247,7 |
| Subtotaal | 254,3 | 247,7 |
| GROEP | 539,3 | 561,5 |
| waarvan: elementen geboekt tegen reële waarde verminderd met verkoopkosten | 72,2 | 68,3 |
De elementen geboekt tegen reële waarde verminderd met verkoopkosten zijn meestal voertuigen verkocht met een "buy-back" overeenkomst die in de balans worden gehouden (dit soort overeenkomst wordt geboekt als operationele lease) tot hun latere verkoop. Er wordt verwacht dat de voorraden binnen de 12 maanden gerealiseerd zullen worden.
In het segment voertuigbeglazing betreffen de andere financiële activa niet-beschikbare geldreserves in verband met de overnames.
De terugbetaling van de andere financiële activa wordt voorzien binnen de 12 maanden. Hun boekwaarde is gelijk aan hun reële waarde.
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Voertuigbeglazing - Niet beschikbare geldmiddelen ivm overnames | 1,6 | 0,5 |
| Andere fi nanciële activa | 1,6 | 0,5 |
Actuele belastingvorderingen (-verplichtingen) worden meestal binnen de 12 maanden terugbetaald.
Handelsvorderingen en overige vorderingen worden als volgt geanalyseerd:
| 2013 | 2012 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep |
| Netto handelsvorderingen | 125,0 | 174,6 | 299,6 | 107,3 | 176,5 | 283,8 |
| Vorderingen op entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode | 0,2 | - | 0,2 | 0,1 | - | 0,1 |
| Overige vorderingen | 5,7 | 79,2 | 84,9 | 7,2 | 102,7 | 109,9 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 130,9 | 253,8 | 384,7 | 114,6 | 279,2 | 393,8 |
Het incasseren van de handelsvorderingen en overige vorderingen wordt voorzien binnen de 12 maanden. De boekwaarde van deze vorderingen, die geen interest opbrengen, benadert hun reële waarde.
De groep is blootgesteld aan kredietrisico dat voortvloeit uit zijn bedrijfsactiviteiten. Dergelijke risico's worden gematigd door het selecteren van klanten en overige zakenpartners op basis van hun kredietkwaliteit en door de concentratie op een klein aantal belangrijke wederpartijen zoveel mogelijk te vermijden. De kredietkwaliteit van belangrijke wederpartijen wordt systematisch geschat en kredietlimieten worden vastgelegd vóór het nemen van elke kredietblootstelling. Betalingstermijnen zijn gemiddeld minder dan één maand behalve wanneer lokale praktijken anders zijn. Vorderingen op kredietverkopen worden van dichtbij gevolgd en centraal geïnd in het segment autodistributie. Voor het segment voertuigbeglazing wordt het lokaal beheerd.
In het segment autodistributie, is de concentratie van de tien voornaamste klanten gelijk aan 25,3% (2012: 26,5%) en geen klant ligt boven de 9% (2012: 10%) van de vorderingen. Bepaalde vorderingen zijn eveneens door kredietverzekeringen gedekt.
In het segment voertuigbeglazing is de concentratie van het risico op de openstaande vorderingen beperkt door de diversificatie van de cliënteel van Belron.
De bedragen in de balans zijn netto van waardeverminderingen op dubieuze vorderingen. Het maximale kredietrisico is dus de boekwaarde van de vorderingen in de balans. Op 31 december 2013 bedroegen de waardeverminderingen op dubieuze vorderingen EUR 28,5 miljoen (2012: EUR 24,3 miljoen).
De ouderdomsanalyse van de vervallen handelsvorderingen en overige vorderingen, maar niet in waarde verminderd, is als volgt:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Vervallen - minder dan 3 maanden | 81,4 | 96,9 |
| Vervallen - tussen 3 en 6 maanden | 8,0 | 11,8 |
| Vervallen - meer dan 6 maanden | 5,9 | 5,6 |
| Totaal | 95,3 | 114,3 |
De vermeerdering van de provisies op dubieuze vorderingen bedraagt EUR 5,0 miljoen zoals gegeven in toelichting 5 (in 2012, een vermeerdering van EUR 3,3 miljoen).
Geldmiddelen en kasequivalenten worden hieronder geanalyseerd:
| 2013 | 2012 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep |
| Liquide middelen | 159,1 | 36,5 | 195,6 | 93,0 | 38,7 | 131,7 |
| Kortetermijn deposito's | 4,0 | - | 4,0 | 50,0 | - | 50,0 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 163,1 | 36,5 | 199,6 | 143,0 | 38,7 | 181,7 |
Geldmiddelen en kasequivalenten zijn hoofdzakelijk activa met variabele rentevoeten die interest opbrengen tegen verschillende rentevoeten met als referentie de heersende EONIA, LIBID of een equivalent. Hun boekwaarde is gelijk aan hun reële waarde.
De kortetermijn deposito's vervallen binnen de maand.
De wijziging in het gewone aandelenkapitaal wordt hieronder beschreven:
| in miljoen EUR, behalve het aantal aandelen weergegeven in eenheden | Aantal gewone aandelen | Gewoon aandelen-kapitaal |
|---|---|---|
| Op 1 januari 2012 | 55.302.620 | 160,0 |
| Wijziging | - | - |
| Op 31 december 2012 | 55.302.620 | 160,0 |
| Wijziging | - | - |
| Op 31 december 2013 | 55.302.620 | 160,0 |
Op 20 december 2010 heeft de Buitengewone Algemene Vergadering het voorstel van de Raad van bestuur goedgekeurd om de gewone aandelen en de winstaandelen te splitsen in tien door omruiling en om de maatschappelijke aandelen aan toonder in geregistreerde of gedematerialiseerde aandelen om te zetten. Alle gewone uitgegeven aandelen zijn volledig betaald. Gewone aandelen hebben geen nominale waarde. Elk gewoon aandeel geeft recht op één stem.
Er bestaan 5.000.000 winstaandelen op naam, die het kapitaal niet vertegenwoordigen. Elk winstaandeel heeft een stemrecht en geeft recht op één dividend dat gelijk is aan één achtste van het dividend van een gewoon aandeel.
Eigen aandelen worden aangehouden door de moedermaatschappij en door dochterondernemingen zoals hieronder beschreven:
| 31 DECEMBER 2013 | 31 DECEMBER 2012 | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR, behalve het aantal aandelen weergegeven in eenheden | Aantal | Bedrag | Aantal | Bedrag |
| Eigen aandelen aangehouden door de moedermaatschappij | 866.015 | 23,5 | 914.833 | 22,6 |
| Eigen aandelen aangehouden door dochtermaatschappijen | - | - | - | - |
| Aangehouden eigen aandelen | 866.015 | 23,5 | 914.833 | 22,6 |
Eigen aandelen worden behouden om de aandelenoptieplannen, opgezet door de moedermaatschappij sedert 1999, af te dekken (zie toelichting 36).
Op 28 mei 2009 heeft de Buitengewone Algemene Vergadering de Raad van bestuur voor een hernieuwbare periode van vijf jaar gemachtigd om het kapitaal in één of meer stappen te verhogen met een maximaal bedrag van EUR 60 miljoen door inbreng in contanten of in natura of door opneming van beschikbare of onbeschikbare reserves of uitgiftepremies, met of zonder creatie van nieuwe maatschappelijke aandelen, al dan niet preferent, met of zonder stemrecht, met of zonder inschrijvingsrecht, en met de mogelijkheid het preferente inschrijvingsrecht, inclusief ten voordele van één of meerdere specifieke personen, te beperken of te schrappen. Dezelfde Vergadering heeft de Raad van bestuur, voor een periode van vijf jaar, gemachtigd om eigen aandelen aan te schaffen, tot een maximum van 10% van de uitgegeven gewone aandelen.
Er mag geen enkele overdracht gebeuren van geregistreerde aandelen, die niet volledig betaald zijn, behalve krachtens een speciale toelating van de Raad van bestuur voor iedere overdracht en ten gunste van een door de Raad van bestuur aanvaarde overnemer (art. 7 van de statuten). De winstbewijzen zullen slechts mogen worden overgedragen met de toestemming van de meerderheid van de leden van de Raad van bestuur en ten gunste van een door deze leden aanvaarde overnemer (art. 8 van de statuten).
Wat het beheer van het kapitaal betreft, bestaan de doelstellingen van de groep uit het beschermen van het vermogen van al zijn activiteiten om hun bedrijfsactiviteit voort te zetten en het behouden van een optimale kapitaalstructuur om de kost van het kapitaal te verminderen. De groep controleert de adequaatheid van het kapitaal van dichtbij, op het niveau van iedere activiteit, door middel van een aantal ratio's die voor hun business specifiek zijn. Om de kapitaalstructuur te handhaven of aan te passen heeft elke activiteit de mogelijkheid om het bedrag van de aan aandeelhouders betaalde dividenden aan te passen, kapitaal aan de aandeelhouders terug te betalen, nieuwe aandelen uit te geven, of activa te verkopen om de schuld te verminderen, rekening houdend met het bestaan van aandeelhouders zonder zeggenschap.
| Aandeelhouders volgens de kennisgevingen van belangrijke deelnemingen van 02/11/2011 en mededeling van 29/08/2013 ivm het beëindigen |
Aandelen | Winstaandelen | Totaal v/d stemrechten |
|||
|---|---|---|---|---|---|---|
| van de handeling in gemeenschappelijk overleg tussen Cobepa n.v. en respectievelijk de groep Nayarit en de groep SPDG. |
Aantal | % | Aantal | % | Aantal | % |
| s.a. de Participations et de Gestion, Brussel | 10.322.060 | 18,66% | - | - | 10.322.060 | 17,12% |
| Reptid Commercial Corporation, Dover, Delaware | 2.025.320 | 3,66% | - | - | 2.025.320 | 3,36% |
| Mevr. Catheline Périer-D'Ieteren | 1.529.900 | 2,77% | 1.250.000 | 25,00% | 2.779.900 | 4,61% |
| Dhr Olivier Périer | 10.000 | 0,02% | - | - | 10.000 | 0,02% |
| De vier bovenvermelde personen (samen "SPDG Group") zijn verbonden. |
13.887.280 | 25,11% | 1.250.000 | 25,00% | 15.137.280 | 25,10% |
| Nayarit Participations s.c.a., Brussel | 17.217.830 | 31,13% | - | - | 17.217.830 | 28,55% |
| Dhr Roland D'Ieteren | 466.190 | 0,84% | 3.750.000 | 75,00% | 4.216.190 | 6,99% |
| Dhr Nicolas D'Ieteren | 10.000 | 0,02% | - | - | 10,000 | 0,02% |
| De drie bovenvermelde personen (samen "Nayarit Group") zijn verbonden. |
17.694.020 | 31,99% | 3.750.000 | 75,00% | 21.444.020 | 35,56% |
| De personen naar wie wordt verwezen als de groep SPDG en de groep Nayarit handelen in gemeenschappelijk overleg. |
||||||
| Overige belangrijke aandeelhouders volgens de kennisgevingen van belangrijke deelnemingen van |
Aandelen | Winstaandelen | Totaal v/d stemrechten |
|||
| 24/06/2013 | Aantal | % | Aantal | % | Aantal | % |
| MFS Investment Management, Boston, Verenigde Staten | 3.036.909 | 5,49% | - | - | 3.036.909 | 5,04% |
De Raad van bestuur heeft de uitkering van een bruto dividend voorgesteld voor een bedrag van EUR 0,80 per aandeel (2012: EUR 0,80 per aandeel), of EUR 44,0 miljoen in totaal (2012: EUR 44,0 miljoen).
Verplichtingen voor personeelsbeloningen na uitdiensttreding worden geanalyseerd in toelichting 20. De overige voorzieningen, ofwel kortlopend ofwel langlopend, worden hieronder geanalyseerd.
De belangrijkste categorieën van voorzieningen zijn de volgende:
| 2013 | 2012 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep | |
| Langlopende voorzieningen | |||||||
| Betreffende concessiehouders | 10,5 | - | 10,5 | 14,1 | - | 14,1 | |
| Waarborgen | 4,9 | - | 4,9 | 4,8 | - | 4,8 | |
| Overige langlopende elementen | 5,1 | 5,8 | 10,9 | 6,1 | 0,6 | 6,7 | |
| Subtotaal | 20,5 | 5,8 | 26,3 | 25,0 | 0,6 | 25,6 | |
| Kortlopende voorzieningen | |||||||
| Overige kortlopende elementen | - | 3,5 | 3,5 | - | 6,5 | 6,5 | |
| Subtotaal | - | 3,5 | 3,5 | - | 6,5 | 6,5 | |
| Totaal voorzieningen | 20,5 | 9,3 | 29,8 | 25,0 | 7,1 | 32,1 |
De wijzigingen van de voorzieningen worden hieronder uiteengezet voor het jaar afgesloten op 31 december 2013:
| in miljoen EUR | Betreffende concessie- houders |
Waarborgen | Overige langlopende elementen |
Overige kortlopende elementen |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Op 1 januari 2013 | 14,1 | 4,8 | 6,7 | 6,5 | 32,1 |
| Toegevoegd tijdens het jaar | 0,4 | 0,2 | 6,6 | 7,3 | 14,5 |
| Besteed tijdens het jaar | -3,5 | - | -2,0 | -10,4 | -15,9 |
| Teruggenomen tijdens het jaar | -0,5 | -0,1 | -0,7 | - | -1,3 |
| Transfer tijdens het jaar | - | - | 0,3 | 0,3 | 0,6 |
| Omrekeningsverschillen | - | - | - | -0,2 | -0,2 |
| Op 31 december 2013 | 10,5 | 4,9 | 10,9 | 3,5 | 29,8 |
Aangezien het moment waarop de kasuitstromen plaatsvinden heel onzeker is, worden bijna alle voorzieningen beschouwd als langlopende elementen. Er wordt verwacht dat de kortlopende voorzieningen binnen de 12 maanden besteed zullen worden. De voorzieningen verbonden met de concessiehouders vloeien voort uit de constante verbetering van de distributienetwerken. In het segment autodistributie betreffen de voorzieningen voor waarborgen de kosten van de diensten aangeboden aan eigenaars van nieuwe voertuigen, zoals de mobiliteitsgarantie.
Overige langlopende en kortlopende voorzieningen bevatten hoofdzakelijk:
Leningen worden als volgt geanalyseerd:
| 2013 | 2012 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep |
| Langlopende leningen | ||||||
| Obligatieleningen | 100,0 | - | 100,0 | 249,9 | - | 249,9 |
| Schulden ivm fi nanciële leases | - | 21,3 | 21,3 | - | 27,1 | 27,1 |
| Kredietinstellingen en overige leningen | 2,9 | 13,1 | 16,0 | 1,5 | 62,8 | 64,3 |
| Onderhandse leningen | - | 555,7 | 555,7 | - | 459,9 | 459,9 |
| Subtotaal langlopende leningen | 102,9 | 590,1 | 693,0 | 251,4 | 549,8 | 801,2 |
| Kortlopende leningen | ||||||
| Obligatieleningen | 150,0 | - | 150,0 | - | - | - |
| Schulden ivm fi nanciële leases | - | 19,2 | 19,2 | - | 21,6 | 21,6 |
| Kredietinstellingen en overige leningen | 1,9 | 12,7 | 14,6 | 2,1 | 85,5 | 87,6 |
| Onderhandse leningen | - | 146,2 | 146,2 | - | - | - |
| Intragroep fi nanciering | - | - | - | -130,0 | 130,0 | - |
| Subtotaal kortlopende leningen | 151,9 | 178,1 | 330,0 | -127,9 | 237,1 | 109,2 |
| TOTAAL LENINGEN | 254,8 | 768,2 | 1.023,0 | 123,5 | 786,9 | 910,4 |
De groep geeft obligatieleningen uit via haar moedermaatschappij en via haar 100% dochtermaatschappij D'Ieteren Trading b.v. De uitstaande obligatieleningen op 31 december zijn de volgende (enkel in het segment autodistributie):
| 2013 | 2012 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Uitgiftedatum | Hoofdsom (in miljoen EUR) |
Vervalda- tum |
Vaste rente | Uitgiftedatum | Hoofdsom (in miljoen EUR) |
Vervalda- tum |
Vaste rente | |
| Juli 2005 | 100,0 | 2015 | 4,25% | Juli 2005 | 100,0 | 2015 | 4,25% | |
| December 2009 | 150,0 | 2014 | 5,50% | December 2009 | 150,0 | 2014 | 5,50% | |
| Totaal | 250,0 | 250,0 |
De gewogen gemiddelde kost van de obligatieleningen in 2013 was 5,1% (2012: 5,1%).
Schulden in verband met financiële leases worden als volgt gedetailleerd:
| 2013 | 2012 | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Minimale lease- betalingen |
Contante waarde van de minimale leasebetalingen |
Minimale lease- betalingen |
Contante waarde van de minimale leasebetalingen |
| Niet langer dan één jaar | 19,7 | 19,2 | 22,1 | 21,6 |
| Langer dan één jaar en niet langer dan vijf jaar | 14,0 | 12,7 | 28,7 | 26,6 |
| Langer dan vijf jaar | 9,7 | 8,6 | 0,7 | 0,5 |
| Subtotaal | 43,4 | 40,5 | 51,5 | 48,7 |
| Min: toekomstige fi nancieringskosten | -2,9 | -2,8 | ||
| Contante waarde van de schulden ivm fi nanciële leases | 40,5 | 48,7 |
De schulden in verband met financiële leases worden alleen aangetroffen in het segment voertuigbeglazing op het einde van het jaar. De schulden in verband met financiële leases van de groep worden beveiligd door het feit dat de lessors de eigendom over de geleasde goederen behouden.
Kredietinstellingen en overige leningen bestaan hoofdzakelijk uit niet gesyndiceerde leningen (in het segment autodistributie) en gesyndiceerde leningen (in het segment voertuigbeglazing), alsook kaskredieten. Afhangend van de munteenheid van de bankleningen en van het beschouwde segment, varieert de gewogen gemiddelde kost tussen 1,3% en 21,5% in 2013 (2012: 1,2% tot 20,6%).
In het segment voertuigbeglazing vertegenwoordigen de onderhandse leningen vooral de volgende uitstaande bedragen, verschuldigd door Belron Finance Limited, een 100% dochtermaatschappij van Belron:
| 2013 | 2012 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Rentevoet | Munteen heid |
Hoofdsom (in miljoen) |
Vervaldatum | Hoofdsom (in miljoen) |
Vervaldatum | |
| Reeks A (april 2007) | 5,68% | USD | 200,0 | 2014 | 200,0 | 2014 |
| Reeks B (april 2007) | 5,80% | USD | 125,0 | 2017 | 125,0 | 2017 |
| Reeks C (april 2007) | 5,94% | GBP | 20,0 | 2017 | 20,0 | 2017 |
| Reeks A (maart 2011) | 4,51% | USD | 50,0 | 2018 | 50,0 | 2018 |
| Reeks B (maart 2011) | 5,13% | USD | 100,0 | 2021 | 100,0 | 2021 |
| Reeks C (maart 2011) | 5,25% | USD | 100,0 | 2023 | 100,0 | 2023 |
| Reeks A (augustus 2013) | 3,04% | EUR | 75,0 | 2020 | - | - |
| Reeks B (september 2013) | 3,93% | USD | 135,0 | 2020 | - | - |
| Reeks C (september 2013) | 4,33% | USD | 21,0 | 2022 | - | - |
| Reeks D (september 2013) | 4,50% | USD | 71,0 | 2023 | - | - |
| Reeks E (september 2013) | 4,65% | USD | 23,0 | 2025 | - | - |
De groep beschikt over een programma van commercial paper (thesauriebewijzen) in België (EUR 300,0 miljoen; 2012: EUR 300,0 miljoen) via s.a. D'Ieteren Treasury n.v., een 100% dochteronderneming van de moedermaatschappij, gewaarborgd door de moedermaatschappij. Er werden geen kosten opgelopen in 2012 en 2013 gezien het programma niet gebruikt werd. Uitgiftes op middellange termijn ("medium term notes" of "MTN") mogen eveneens via dit programma verwezenlijkt worden.
In 2012 vertegenwoordigde de intragroep financiering bedragen geleend door het segment autodistributie aan het segment voertuigbeglazing aan marktvoorwaarden. Die werd door het segment voertuigbeglazing terugbetaald gedurende de periode ter gelegenheid van zijn herfinanciering (nieuwe onderhandse leningen uitgegeven in augustus en september 2013 – zie hierboven).
Langlopende leningen zijn verschuldigd na meer dan één jaar, in overeenstemming met de volgende termijnplanning:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Langer dan één jaar en niet langer dan vijf jaar | 288,1 | 610,7 |
| Langer dan vijf jaar | 404,9 | 190,5 |
| Langlopende leningen | 693,0 | 801,2 |
De groep is blootgesteld aan wijzigingen in de rentevoeten zoals hieronder weergegeven (vóór de impact van derivaten ivm schulden). Dit betreft eveneens de risico's voortvloeiend uit het tijdstip van vastlegging van de rentevoeten:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Niet langer dan één jaar | 345,0 | 109,2 |
| Langer dan één jaar en niet langer dan vijf jaar | 273,1 | 610,7 |
| Langer dan vijf jaar | 404,9 | 190,5 |
| Leningen | 1.023,0 | 910,4 |
De classificatie van de leningen in functie van rentevoeten en munteenheid is als volgt:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Munteenheid | Vaste rentevoet | Variabele rentevoet |
Totaal | Vaste rentevoet | Variabele rentevoet |
Totaal | |
| EUR | 328,7 | 90,0 | 418,7 | 257,3 | 213,0 | 470,3 | |
| GBP | 24,0 | - | 24,0 | 24,6 | - | 24,6 | |
| USD | 562,5 | 11.9 | 574,4 | 399,4 | 9,2 | 408,6 | |
| Andere | 4,2 | 1,7 | 5.9 | 5,2 | 1,7 | 6,9 | |
| Totaal | 919,4 | 103,6 | 1.023,0 | 686,5 | 223,9 | 910,4 |
Indien de impact van de derivaten ivm schulden in rekening wordt genomen, is die classificatie de volgende:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Munteenheid | Vaste rentevoet |
Variabele rentevoet |
Totaal | Vaste rentevoet |
Variabele rentevoet |
Totaal |
| EUR | 243,7 | 101,9 | 345,6 | 390,1 | 4,5 | 394,6 |
| GBP | 24,0 | - | 24,0 | 24,6 | - | 24,6 |
| USD | 635,6 | 11,9 | 647,5 | 475,1 | 9,2 | 484,3 |
| Andere | 4,2 | 1,7 | 5,9 | 5,2 | 1,7 | 6,9 |
| Totaal | 907,5 | 115,5 | 1.023,0 | 895,0 | 15,4 | 910,4 |
De leningen met variabele rentevoet zijn onderworpen aan verschillende rentevoeten vastgelegd met als referentie de heersende EURIBOR of een equivalent. De toepasbare rentevoeten voor uitstaande leningen tegen vaste rentevoeten zijn als volgt:
| 2013 | 2012 | |||
|---|---|---|---|---|
| Munteenheid | Min. | Max. | Min. | Max. |
| EUR | 1,3% | 6,8% | 1,9% | 6,8% |
| GBP | 5,9% | 19,0% | 5,9% | 5,9% |
| USD | 2,9% | 6,8% | 1,2% | 6,5% |
| Andere | 2,4% | 21,5% | 3,3% | 20,6% |
De reële waarde van kortlopende leningen benadert hun boekwaarde, met uitzondering van de onderhandse leningen met vervaldatum in 2014 (segment voertuigbeglazing: boekwaarde van EUR 146,2 miljoen; reële waarde van EUR 177,7 miljoen) en voor de obligatielening met vervaldatum in 2014 (segment autodistributie: boekwaarde van EUR 150,0 miljoen; reële waarde van EUR 155,1 miljoen).
De reële waarde van langlopende leningen wordt hieronder weergegeven:
| 2013 | 2012 | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Reële waarde |
Boek- waarde |
Reële waarde |
Boek- waarde |
| Obligatieleningen | 102,2 | 100,0 | 259,0 | 249,9 |
| Schulden ivm fi nanciële leases | 21,3 | 21,3 | 27,1 | 27,1 |
| Kredietinstellingen, onderhandse leningen en overige leningen |
601,1 | 571,7 | 530,8 | 524,2 |
| Langlopende leningen | 724,6 | 693,0 | 816,9 | 801,2 |
De reële waarde van de obligatieleningen wordt bepaald op basis van hun marktprijs. De reële waarde van de overige leningen wordt geschat op basis van de verhandelbare marktwaarden, of indien deze niet gemakkelijk beschikbaar zijn, door de toekomstige contractuele kasstromen te verdisconteren tegen de rentevoet die, op dat ogenblik, voor de groep op de markt beschikbaar is voor soortgelijke financiële instrumenten. Zie toelichting 37 voor de reële waarde hierarchie.
Er zijn financiële verplichtingen (financiële ratio's) verbonden aan bepaalde leningen van de groep.
De nettoschuld is een indicator niet gedefinieerd door de IFRS-normen. De groep stelt de nettoschuld echter niet voor als een alternatief voor de financiële indicatoren bepaald door de IFRS-normen. De groep maakt gebruik van het begrip nettoschuld om haar schuld te weerspiegelen. De nettoschuld is gelijk aan het totaal van de leningen verminderd met geldmiddelen, kasequivalenten en investeringen in vaste en vlottende activa. De nettoschuld houdt geen rekening met de reële waarde van de aan de schuld verbonden derivaten. De afgedekte leningen (d.w.z. leningen waarop hedge accounting volgens IAS 39 wordt toegepast) worden omgerekend tegen de contractuele wisselkoersen van de verbonden cross currency swaps. De andere leningen worden omgerekend tegen de wisselkoersen geldend op balansdatum.
| 31 DECEMBER 2013 | 31 DECEMBER 2012 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Toelichting | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie | Voertuig- beglazing |
Groep |
| Langlopende leningen | 102,9 | 590,1 | 693,0 | 251,4 | 549,8 | 801,2 | |
| Kortlopende leningen | 151,9 | 178,1 | 330,0 | 2,1 | 107,1 | 109,2 | |
| Intragroep fi nanciering | - | - | - | -130,0 | 130,0 | - | |
| Brutoschuld | 254,8 | 768,2 | 1.023,0 | 123,5 | 786,9 | 910,4 | |
| Min: geldmiddelen en kasequivalenten | 27 | -163,1 | -36,5 | -199,6 | -143,0 | -38,7 | -181,7 |
| Min: ten einde looptijd aangehouden fi nanciële activa | 14 | -298,1 | - | -298,1 | -211,7 | - | -211,7 |
| Min: overige vorderingen (vaste activa) | 22 | -20,0 | - | -20,0 | -20,0 | - | -20,0 |
| Min: overige vorderingen (vlottende activa) | - | - | - | - | -5,7 | -5,7 | |
| Nettoschuld | -226,4 | 731,7 | 505,3 | -251,2 | 742,5 | 491,3 |
In maart 2013 heeft de moedermaatschappij aangekondigd dat het zijn deelneming in het kapitaal van Belron had verhoogd tot 94,85 %, hetzij een stijging van 2,12 % ingevolge de uitoefening van de put-optie door een senior niet-uitvoerend lid van de oprichtersfamilie van Belron, in overeenstemming met de aandeelhoudersovereenkomsten, voor een bedrag van EUR 39,1 miljoen. De betaling werd in april 2013 uitgevoerd.
De groep is verplicht de belangen zonder zeggenschap in Belron in handen van derden (5,15% na de transactie van maart 2013) over te nemen indien deze laatste hun verkoopopties zouden uitoefenen. De uitoefenprijs van zulke opties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap wordt opgenomen als financiële passiva in de geconsolideerde balans.
Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vóór 1 januari 2010, wordt de goodwill aangepast aan het einde van de periode om de veranderingen in de uitoefenprijs van de opties en de boekwaarde van de desbetreffende belangen zonder zeggenschap weer te geven. Deze handelswijze weerspiegelt het economische karakter van de transactie en heeft geen impact op het resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij.
Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vanaf 1 januari 2010, wordt bij de eerste boeking het verschil tussen de vergoeding en de uitoefenprijs van de toegestane opties in het eigen vermogen, groepsaandeel, opgenomen. Op het einde van elke periode zal de waardeaanpassing van de financiële passiva die resulteert uit deze opties in de geconsolideerde winst- en verliesrekening als een waardeaanpassing in de netto financieringskosten worden opgenomen.
Op 31 december 2013 bedraagt de uitoefenprijs van alle opties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap (verkoopopties met verbonden aankoopopties, uitoefenbaar tot 2024) EUR 89,0 miljoen (2012: EUR 134,1 miljoen).
Wat betreft verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vóór 1 januari 2010, is het verschil tussen de uitoefenprijs van de opties en de boekwaarde van de belangen zonder zeggenschap (EUR 31,3 miljoen op 31 december 2013) als bijkomende goodwill (EUR 40,4 miljoen op 31 december 2013) voorgesteld.
Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vanaf 1 januari 2010, bedraagt de waardeaanpassing van de financiële passiva die resulteert uit deze opties EUR 1,1 miljoen welke in de geconsolideerde winst- en verliesrekening als waardeaanpassingsinkomen in de netto financieringskosten wordt opgenomen (zie toelichting 9).
De uitoefenprijs van de verkoopopties houdt rekening met de geschatte toekomstige rentabiliteit van Belron. Indien de onderliggende schattingen zouden veranderen, zou de waarde van de verkoopopties opgenomen in de balans beïnvloed worden, met impact op de bijhorende goodwill en de netto financieringskosten.
De boekwaarde van de verkoopopties benadert hun reële waarde.
Overige langlopende schulden zijn uitgestelde betalingen in verband met de overnames zonder interest (2013: EUR 9,6 miljoen; 2012: EUR 5,2 miljoen) en overige crediteuren (2013: EUR 9,4 miljoen; 2012: EUR 9,9 miljoen), betaalbaar na meer dan 12 maanden. De boekwaarde van de andere langlopende schulden benadert hun reële waarde.
Handelsschulden en overige te betalen posten worden hieronder geanalyseerd:
| 2013 | 2012 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep |
| Handelsschulden | 65,5 | 128,1 | 193,6 | 77,2 | 116,4 | 193,6 |
| Opgelopen kosten en uitgestelde opbrengsten | 38,4 | 8,4 | 46,8 | 38,1 | 5,5 | 43,6 |
| Belastingen niet verbonden met het resultaat | 1,3 | 13,8 | 15,1 | 2,7 | 57,6 | 60,3 |
| Uitgestelde betalingen ivm de overnames | - | 6,9 | 6,9 | - | 13,9 | 13,9 |
| Overige te betalen posten | 44,1 | 263,1 | 307,2 | 38,1 | 240,3 | 278,4 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten | 149,3 | 420,3 | 569,6 | 156,1 | 433,7 | 589,8 |
De terugbetaling van de handelsschulden en overige te betalen posten wordt voorzien binnen de 12 maanden. De boekwaarde van de handelsschulden en overige te betalen posten benadert hun reële waarde.
De personeelskosten worden hieronder geanalyseerd:
| 2013 | 2012 (1) | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Voertuig- beglazing |
Groep |
| Pensioenkosten voor toegezegd-pensioenregelingen inzake bijdragen na uitdiensttreding |
-5,4 | -15,5 | -20,9 | -4,6 | -15,0 | -19,6 |
| Pensioenkosten voor toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding (zie toelichting 20) |
-0,7 | -7,9 | -8,6 | -1,7 | -6,1 | -7,8 |
| Totaal pensioenkosten | -6,1 | -23,4 | -29,5 | -6,3 | -21,1 | -27,4 |
| Bezoldigingen en sociale zekerheid | -130,5 | -1.062,6 | -1.193,1 | -128,5 | -984,2 | -1.112,7 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen: afgewikkeld in eigen-vermogensinstrumenten |
-1,6 | - | -1,6 | -1,8 | - | -1,8 |
| Totaal personeelskosten | -138,2 | -1.086,0 | -1.224,2 | -136,6 | -1.005,3 | -1.141,9 |
| bestaande uit: courante elementen | -138,0 | -1.086,0 | -1.224,0 | -136,6 | -1.005,3 | -1.141,9 |
| ongebruikelijke elementen | -0,2 | - | -0,2 | - | - | - |
(1) Na aanpassing (zie toelichting 2.2).
De bovenvermelde kosten houden rekening met de bedragen geboekt in 2013 (last van EUR 5,0 miljoen) en 2012 (terugneming van EUR 24,5 miljoen) in verband met het langetermijn incentiveplan voor het management in het segment voertuigbeglazing.
Het aantal personeelsleden wordt hieronder aangegeven (gemiddeld voltijdse equivalenten):
| 2013 | 2012 | |
|---|---|---|
| Autodistributie | 1.601 | 1.587 |
| Voertuigbeglazing | 25.645 | 24.200 |
| Groep | 27.246 | 25.787 |
Er bestaat in de groep een regeling van op aandelen gebaseerde betalingen afgewikkeld in eigen-vermogensinstrumenten. Sedert 1999 werden aandelenoptieplannen toegekend aan directeurs en kaderleden van het segment autodistributie, in het kader van de wet van 26 maart 1999. Het onderliggende aandeel is het gewone aandeel van s.a. D'Ieteren n.v.
De uitstaande opties bedragen:
| Aantal opties (in eenheden) | Uitoefenprijs | Uitoefenperiode | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Toekenningsdatum | 2013 | 2012 | (in EUR) | van | tot | ||
| 2013 | 65.250 | - | 34,99 | 1/01/2017 | 24/11/2023 | ||
| 2013 | 89.361 | - | 34,23 | 1/01/2017 | 18/03/2023 | ||
| 2012 | 79.100 | 79.100 | 36,45 | 1/01/2016 | 14/10/2022 | ||
| 2011 | 217.814 | 217.814 | 35,00 | 1/01/2015 | 22/12/2021 | ||
| 2010 | 81.350 | 81.350 | 39,60 | 1/01/2014 | 3/10/2020 | ||
| 2009 | 91.690 | 107.850 | 24,00 | 1/01/2013 | 27/10/2019 | ||
| 2008 | 61.060 | 102.040 | 12,10 | 1/01/2012 | 5/11/2018 | ||
| 2007 | 64.480 | 69.660 | 26,40 | 1/01/2011 | 2/12/2022 | ||
| 2006 | 37.600 | 39.400 | 26,60 | 1/01/2010 | 27/11/2021 | ||
| 2005 | 33.600 | 43.250 | 20,90 | 1/01/2009 | 6/11/2020 | ||
| 2004 | 9.650 | 27.450 | 14,20 | 1/01/2008 | 28/11/2019 | ||
| 2003 | 6.700 | 25.700 | 16,34 | 1/01/2007 | 16/11/2018 | ||
| 2002 | 14.400 | 30.300 | 11,60 | 1/01/2006 | 13/10/2015 | ||
| 2001 | 7.950 | 13.850 | 13,30 | 1/01/2005 | 25/10/2014 | ||
| 2000 | - | 21.050 | 26,70 | 1/01/2004 | 25/09/2013 | ||
| Totaal | 860.005 | 858.814 |
Alle uitstaande opties zijn gedekt door eigen aandelen (zie toelichting 28).
De wijzigingen in het aantal uitstaande opties gedurende het jaar zien eruit als volgt:
| Aantal (in eenheden) |
Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in EUR) |
|||
|---|---|---|---|---|
| 2013 | 2012 | 2012 | ||
| Uitstaande opties bij het begin van de periode | 858.814 | 846.129 | 27,07 | 26,17 |
| Toegekend in de periode | 154.611 | 79.100 | 34,55 | 36,45 |
| Verbeurd in de periode | -8.350 | -29.125 | 26,70 | 37,50 |
| Uitgeoefend in de periode | -145.070 | -37.290 | 16,79 | 18,29 |
| Andere wijzigingen in de periode | - | - | - | - |
| Uitstaande opties op het einde van de periode | 860.005 | 858.814 | 30,15 | 27,07 |
| waarvan: uitoefenbaar op het einde van de periode | 327.130 | 480.550 | 20,98 | 19,81 |
In 2013 werd een groot deel van de opties uitgeoefend tijdens het derde kwartaal van het jaar. De gemiddelde koers gedurende de periode bedroeg EUR 34,39 (2012: EUR 34,98). De opties verbeurd tijdens de periode betreffen de opties eerst uitgegeven in 2000 die in september 2013 vervallen zijn.
Voor de uitstaande aandelenopties op het einde van de periode is de gewogen gemiddelde uitstaande contractduur de volgende:
| Aantal jaren | |
|---|---|
| 31 december 2013 | 7,6 |
| 31 december 2012 | 7,6 |
De IFRS-norm 2 "Op aandelen gebaseerde betalingen" vereist dat de reële waarde van alle aandelenopties toegekend na 7 november 2002 als last wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. De reële waarde van de opties moet geschat worden op elke toekenningsdatum.
De veronderstellingen voor de toekenningen van 2013 en 2012 zijn de volgende:
| 2013 | 2012 | ||
|---|---|---|---|
| Aantal personeelsleden | 4 | 128 | 161 |
| Contante aandeelprijs (in EUR) | 36,33 | 34,08 | 37,44 |
| Optie-uitoefenprijs (in EUR) | 34,23 | 34,99 | 36,45 |
| Wachtperiode (in jaren) | 3,0 | 3,0 | 3,0 |
| Verwachte duur (in jaren) | 6,5 | 6,5 | 6,5 |
| Verwachte volatiliteit (in %) | 28% | 24% | 31% |
| Risicoloos rendement (in %) | 1,62% | 1,96% | 1,66% |
| Verwacht dividend (in EUR) | 0,800 | 0,700 | 0,800 |
| Waarschijnlijkheid van uitdiensttreding (in %) | 0% | 0% | 0% |
| Gewogen gemiddelde reële waarde per optie (in EUR) | 9,51 | 8,29 | 10,49 |
De verwachte volatiliteit en dividenden werden door een onafhankelijke expert bepaald. Het risicoloze rendement is gebaseerd op de EUR zero-coupon koersen met een duur gelijk aan de toegekende opties.
Het thesauriebeleid richt zich op het verzekeren van een permanente toegang tot voldoende liquiditeit, en het opvolgen en inperken van rente- en wisselkoersrisico's. Deze worden hieronder samengevat.
Elk bedrijfssegment van de groep streeft ernaar om over voldoende verbintenissen van fondseninbreng te beschikken om tegemoet te komen aan alle verplichtingen – zoals geschat op basis van de langetermijn financiële projecties – voor ten minste de 12 volgende maanden. De financiering wordt beheerd op het niveau van elk bedrijfssegment. Deze financiering wordt aangevuld met verschillende bronnen van liquiditeiten zonder verbintenissen (kortetermijn kredietlijnen en handelspapier).
De langetermijn financiering bestaat voornamelijk uit:
Het effectiseringsprogramma werd volledig terugbetaald begin 2012 ter gelegenheid van de inbreng van D'Ieteren Lease in Volkswagen D'Ieteren Finance, een joint venture opgericht door de groep en Volkswagen Financial Services (een dochteronderneming van de groep Volkswagen). De financiering wordt daarna door die laatste verzorgd.
Terugbetalingsdata worden zoveel als mogelijk gelijkmatig gespreid en financieringsbronnen worden gediversifieerd om het herfinancieringsrisico (tijdstip, markt) en de gerelateerde kosten (kredietmargerisico) te beperken.
Cash pooling schema's worden geïmplementeerd (in de segmenten autodistributie en voertuigbeglazing) om de behoefte aan bruto financiering en de bijhorende kosten te minimaliseren.
Hierna volgt een analyse van de contractuele niet-verdisconteerde uitgaande kasstromen met betrekking tot de financiële verplichtingen, en van de afgeleide financiële activa en passiva op balansdatum:
| Verschuldigd binnen het jaar |
Verschuldigd tussen één en vijf jaar |
Verschuldigd in meer dan vijf jaar |
Totaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Kapitaal | Interesten | Kapitaal | Interesten | Kapitaal | Interesten | Kapitaal | Interesten |
| Op 31 december 2013 | ||||||||
| Leningen | ||||||||
| Obligatieleningen | 150,0 | 8,3 | 100,0 | 4,3 | - | - | 250,0 | 12,6 |
| Schulden ivm fi nanciële leases | 19,2 | 0,5 | 21,3 | 2,4 | - | - | 40,5 | 2,9 |
| Andere leningen en onderhandse obligaties |
162,0 | 28,8 | 168,3 | 91,6 | 405,2 | 54,1 | 735,5 | 174,5 |
| Totaal | 331,2 | 37,6 | 289,6 | 98,3 | 405,2 | 54,1 | 1.026,0 | 190,0 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten |
569,6 | - | - | - | - | - | 569,6 | - |
| Derivaten | ||||||||
| Derivatencontracten - ontvangen bedragen | -110,5 | -8,6 | - | -20,4 | -73,1 | -17,9 | -183,6 | -46,9 |
| Derivatencontracten - betaald e bedragen | 111,2 | 4,8 | - | 12,6 | 80,3 | 12,6 | 191,5 | 30,0 |
| Totaal | 901,5 | 33,8 | 289,6 | 90,5 | 412,4 | 48,8 | 1.603,5 | 173,1 |
| Op 31 december 2012 | ||||||||
| Leningen | ||||||||
| Obligatieleningen | - | 12,5 | 250,0 | 16,8 | - | - | 250,0 | 29,3 |
| Schulden ivm fi nanciële leases | 21,6 | 0,4 | 26,6 | 2,2 | 0,5 | 0,1 | 48,7 | 2,7 |
| Andere leningen en onderhandse obligaties |
88,5 | 27,9 | 336,2 | 66,9 | 190,2 | 34,1 | 614,9 | 128,9 |
| Totaal | 110,1 | 40,8 | 612,8 | 85,9 | 190,7 | 34,2 | 913,6 | 160,9 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten |
589,9 | - | - | - | - | - | 589,9 | - |
| Derivaten | ||||||||
| Derivatencontracten - ontvangen bedragen | -86,7 | -8,6 | - | -24,2 | -75,7 | -21,9 | -162,4 | -54,7 |
| Derivatencontracten - betaald e bedragen | 87,2 | 6,3 | - | 14,1 | 80,3 | 14,9 | 167,5 | 35,3 |
| Totaal | 700,5 | 38,5 | 612,8 | 75,8 | 195,3 | 27,2 | 1.508,6 | 141,5 |
De groep streeft ernaar om de invloed van ongunstige rentebewegingen op de courante financiële resultaten af te toppen, voornamelijk met betrekking tot de volgende 12 maanden. Om de renteblootstelling te beheren, gebruikt de groep voornamelijk FRA's, renteswaps, caps en floors. Elk segment bepaalt zelf het minimum afdekkingspercentage, hetgeen, voor de periode tot 12 maanden, tussen de 50% en de 100% ligt en daarna gradueel wordt afgenomen over de tijd.
De algemene afdekkingshorizon bedraagt typisch 3 jaar. Afdekkingen, of vastrentende schulden, voor een periode van meer dan 5 jaar zijn ongebruikelijk.
Een verandering van 100 basispunten in de rente op rapporteringsdatum zou het eigen vermogen en het resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten hebben doen toenemen/afnemen met de bedragen zoals hieronder getoond. Deze analyse veronderstelt dat alle andere variabelen onveranderd blijven.
| Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten |
Kasstroomafdekkings- reserve |
||||
|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | 1% vermeerdering | 1% vermindering | 1% vermeerdering | 1% vermindering | |
| 31 december 2013 | 1,5 | -2,0 | - | - | |
| 31 december 2012 | 0,7 | -1,6 | - | - |
De doelstelling van de groep is om de kasstromen, commerciële transacties en netto investeringen in buitenlandse activiteiten te beschermen tegen mogelijk hoge wisselkoersschommelingen door alle materiële netto deviezenposities af te dekken. Materieel betekent meer dan één miljoen euro.
Investeringen buiten de Eurozone zorgen voor een omrekeningsrisico. Dit wordt voornamelijk geminimaliseerd door het aangaan van schulden in dezelfde valuta als de kasstromen die door deze activa worden gegenereerd. Ter aanvulling van deze natuurlijke afdekkingen, gebruikt de groep instrumenten zoals termijncontracten in vreemde valuta, swaps, eenvoudige wisselkoersopties en, indien geschikt, "cross currency swaps".
Het niveau van de afdekking wordt op regelmatige basis herzien afhankelijk van de marktomstandigheden en telkens wanneer er een belangrijk actief wordt toegevoegd of verkocht.
Een versterking/verzwakking van 10% van de euro ten opzichte van de volgende deviezen op 31 december zou het eigen vermogen en het resultaat uit voorgezette bedrijfsactiviteiten hebben doen toenemen/afnemen met de bedragen zoals hieronder getoond. Deze analyse veronderstelt dat alle andere variabelen onveranderd blijven:
| Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten |
Eigen vermogen | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | 10% versterking | 10% verzwakking | 10% versterking | 10% verzwakking | |
| 31 december 2013 | |||||
| EUR vs GBP | 0,1 | -0,1 | -9,4 | 11,5 | |
| EUR vs USD | 1,6 | -2,0 | -0,5 | 0,6 | |
| 31 december 2012 | |||||
| EUR vs GBP | 0,1 | -0,1 | -9,3 | 11,4 | |
| EUR vs USD | 1,2 | -1,5 | -0,5 | 0,7 |
Kredietlimieten met betrekking tot financiële wederpartijen werden opgesteld voor financiële afgeleide producten en gelddeposito's voor wat betreft hun bedrag en looptijd. Deze transacties worden slechts aangegaan bij een beperkt aantal op voorhand gedefinieerde banken op basis van hun kredietwaardigheid, die minstens jaarlijks nagekeken wordt. De vereiste minimumwaardering is A- (Standard & Poor's). Limieten met betrekking tot de duurtijd van de blootstelling per transactiecategorie werden opgesteld ten einde de liquiditeit te beschermen en de impact te beperken in het geval de wederpartij in gebreke valt. De instrumenten en hun documentatie moeten goedgekeurd worden alvorens de geplande transacties plaatsvinden.
Er bestaat geen betekenisvol prijsrisico buiten deze hierboven vermeld.
Binnen dit raamwerk wordt er een ruime autonomie toegekend aan ieder segment.
De IFRS-norm 7, en sedert 2013 IFRS 13, vereist informatieverschaffing over hoe de waarderingen tegen reële waarde geclassificeerd worden in de hiërarchie opgesteld op basis van de waarderingstechnieken.
De volgende tabel stelt de financiële activa en verplichtingen, gewaardeerd aan de reële waarde in de geconsolideerde balans, in de hiërarchie voor:
| 2013 | 2012 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Vaste en vlottende activa: | ||||||||
| Voor afdekking aangehouden derivaten |
- | 0,6 | - | 0,6 | - | 0,1 | - | 0,1 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten |
- | 7,4 | - | 7,4 | - | 9,5 | - | 9,5 |
| Totaal activa | - | 8,0 | - | 8,0 | - | 9,6 | - | 9,6 |
| Langlopende en kortlopende verplichtingen: |
||||||||
| Voor afdekking aangehouden derivaten |
- | 0,1 | - | 0,1 | - | 0,4 | - | 0,4 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten |
- | 15,4 | - | 15,4 | - | 8,7 | - | 8,7 |
| Totaal verplichtingen | - | 15,5 | - | 15,5 | - | 9,1 | - | 9,1 |
Alle financiële activa en verplichtingen van de groep gewaardeerd aan de reële waarde in de geconsolideerde balans worden gecategoriseerd in de reële waarde hiërarchie, zoals hieronder beschreven, op basis van het laagste inputniveau dat over het algemeen van belang is voor de waardering tegen reële waarde:
Niveau 1: genoteerde marktprijzen (niet-aangepast) in een actieve markt voor identieke activa en verplichtingen;
Niveau 2: waarderingstechnieken (waarvoor de laagste inputniveau dat van belang is voor de waardering tegen reële waarde direct of indirect waarneembaar is);
Niveau 3: waarderingstechnieken (waarvoor de laagste inputniveau dat van belang is voor de waardering tegen reële waarde niet waarneembaar is).
Op eind december 2013 en 2012 worden alle financiële activa en verplichtingen van de groep gewaardeerd tegen reële waarde in de geconsolideerde balans (voor afdekking aangehouden derivaten en voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten) geclassificeerd in niveau 2.
Zie toelichtingen 18 en 19 voor de gebruikte waarderingstechnieken.
De reële waarde van de financiële- en niet-financiële activa en verplichtingen van de groep die niet tegen reële waarde geboekt worden in de geconsolideerde balans wordt gegeven in de desbetreffende toelichtingen. Ze worden allemaal geclassificeerd in niveau 2 van de reële waarde hiërarchie, zoals hierboven beschreven, met uitzondering van de vaste ten einde looptijd aangehouden financiële activa (zie toelichting 14) die in niveau 1 worden geclassificeerd (genoteerde prijzen), de langlopende en kortlopende obligatieleningen (zie toelichting 30) in niveau 1 geclassificeerd (genoteerde prijzen), en vastgoedbeleggingen (zie toelichting 16) in niveau 3 geclassificeerd (waardering uitgevoerd door een onafhankelijke taxateur die in het bezit is van een relevante en erkende beroepskwalificatie). De gebruikte waarderingstechnieken worden beschreven in de desbetreffende toelichtingen.
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Verplichtingen tot aankoop van vaste activa | 12,1 | 7,5 |
| Overige belangrijke verplichtingen: | ||
| Gegeven verplichtingen | 15,5 | 26,1 |
| Verworven verplichtingen | 28,0 | 29,1 |
De verplichtingen tot aankoop van vaste activa betreffen hoofdzakelijk in 2013 overige materiële vaste activa in het segment voertuigbeglazing.
De groep is een lessee in een aantal operationele leases (vooral gebouwen, voertuigen buiten de vloot en elementen van materiële vaste activa). De samenhangende toekomstige minimale leasebetalingen onder niet afzegbare operationele leases, per vervaldag, zijn als volgt:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Op hoogstens één jaar | 155,7 | 117,7 |
| Op meer dan één jaar en minder dan vijf jaar | 298,5 | 321,6 |
| Meer dan vijf jaar | 144,0 | 113,7 |
| Totaal | 598,2 | 553,0 |
De groep is ook een lessor in een aantal operationele leases. Ze betreffen allemaal de vastgoedbeleggingen in het segment autodistributie. De samenhangende toekomstige minimale leasebetalingen onder niet-afzegbare operationele leases, per vervaldag, zijn als volgt:
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Op hoogstens één jaar | 1,3 | 1,3 |
| Op meer dan één jaar en minder dan vijf jaar | 5,5 | 3,7 |
| Meer dan vijf jaar | 1,3 | 1,1 |
| Totaal | 8,1 | 6,1 |
Op elk jaareinde heeft de groep ook andere diverse voorafbetaalde verplichtingen in verband met operationele leases betreffende voertuigen verkocht met een "buy-back" overeenkomst, opgenomen onder de uitgestelde opbrengsten in toelichting 34.
De opbrengsten, kosten, rechten en verplichtingen voortvloeiend uit leaseovereenkomsten in verband met vastgoedbeleggingen worden niet als materieel beschouwd voor de groep. Een algemene beschrijving van deze leaseovereenkomsten wordt bijgevolg niet gegeven.
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Met entiteiten die gezamenlijk de zeggenschap uitoefenen of die een invloed van betekenis hebben over de groep: |
||
| Bedrag van de transacties ingegaan gedurende de periode | 1,1 | 1,1 |
| Openstaand creditsaldo op 31 december | 6,2 | 2,0 |
| Met geassocieerde ondernemingen: | ||
| Verkopen | 0,1 | 6,6 |
| Aankopen | - | -0,1 |
| Openstaande handelsvorderingen op 31 december | 0,1 | 0,1 |
| Met joint ventures: | ||
| Verkopen | 94,2 | 86,1 |
| Aankopen | -12,3 | -21,9 |
| Openstaande handelsvorderingen op 31 december | 2,5 | 3,0 |
| Met managers op sleutelposities: | ||
| Beloning: | ||
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 5,0 | 5,0 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | 0,2 | 0,3 |
| Ontslagvergoedingen | 1,2 | - |
| Totale beloning | 6,4 | 5,3 |
| Bedrag van de transacties ingegaan gedurende de periode | n/a | n/a |
| Openstaand creditsaldo op 31 december | n/a | n/a |
| Met andere verbonden partijen: | ||
| Bedrag van de transacties ingegaan gedurende de periode | - | 0,1 |
| Openstaand creditsaldo op 31 december | 0,5 | - |
De volledige lijst van ondernemingen bedoeld door artikels 114 en 165 van het Koninklijk Besluit van 30 januari 2001 tot uitvoering van het Wetboek van Vennootschappen zal neergelegd worden bij de Balanscentrale van de Nationale Bank van België. Die kan ook op eenvoudig verzoek verkregen worden bij de maatschappelijke zetel van de moedermaatschappij (zie toelichting 1).
De belangrijkste geconsolideerde dochterondernemingen van de moedermaatschappij worden hieronder vermeld:
| Naam | Land | % van aandelenkapitaal op 31 december 2013 |
% van aandelenkapitaal op 31 december 2012 |
|---|---|---|---|
| Autodistributie | |||
| s.a. D'Ieteren Sport n.v. | België | 75% | 75% |
| Power to Wheels s.a. | België | 100% | 100% |
| s.a. D'Ieteren Services n.v. | België | 100% | 100% |
| s.a. D'Ieteren Treasury n.v. | België | 100% | 100% |
| D'Ieteren Trading b.v. | Nederland | 100% | 100% |
| D'Ieteren Vehicle Glass s.a. | Luxemburg | 100% | 100% |
| Dicobel s.a. | België | 100% | 100% |
| Verellen s.a. | België | 100% | 100% |
| Kronos Automobiles s.a. | België | 100% | 100% |
| Penders s.a. | België | 100% | 100% |
| S.M.A.R.T. & Clean Automotive Services n.v. | België | 100% | 100% |
| Garage Joly b.v.b.a. | België | 100% | - |
| Voertuigbeglazing | |||
| Belron s.a. | Luxemburg | 94,85% | 92,73% |
De belangrijkste entiteit die volgens de equity-methode verwerkt wordt is de joint venture Volkswagen D'Ieteren Finance b.v. (voor 50% minus één aandeel van de groep), geregistreerd in België.
In 2013, rekening houdend met de transactie met een aandeelhouder zonder zeggenschap in maart 2013 (zie toelichting 32), verschilde het voor de consolidatie van de winst- en verliesrekening van Belron gebruikte gemiddelde percentage van het percentage op 31 december 2013. Het bedroeg 94,79%.
De maandelijkse winst- en verliesrekeningen van buitenlandse operaties worden omgerekend met de relevante wisselkoers voor die maand. Met uitzondering van de balans die omgerekend wordt aan de slotkoers, zijn alle lijnen in de geconsolideerde jaarrekening gebaseerd op een gewogen gemiddelde koers.
De voornaamste wisselkoersen gebruikt voor de omrekeningen zijn de volgende:
| Aantal euro's voor een munteenheid vreemde munt | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Slotkoers | ||
| AUD | 0,65 | 0,79 |
| BRL | 0,31 | 0,37 |
| CAD | 0,69 | 0,76 |
| GBP | 1,20 | 1,23 |
| USD | 0,73 | 0,76 |
| Gemiddelde koers (1) | ||
| AUD | 0,72 | 0,80 |
| BRL | 0,35 | 0,40 |
| CAD | 0,72 | 0,78 |
| GBP | 1,18 | 1,23 |
| USD | 0,77 | 0,78 |
(1) Effectieve gemiddelde koers voor de winst of het verlies toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten.
In januari 2014 heeft de moedermaatschappij tien Volkswagenconcessies van de groep Beerens in België overgenomen.
Op 27 februari 2014 kondigde de moedermaatschappij aan dat D'Ieteren Auto van plan is om tegen 2018 ongeveer 27 miljoen EUR te investeren in de D'Ieteren Car Centers, zijn autoconcessies in eigen beheer in Brussel en de Brusselse rand, en om hun geografische inplanting en organisatie te herzien om hun financiële en commerciële prestaties te verbeteren.
Tegen 2018 zouden de sites van Malie (Elsene), Anderlecht, Zaventem en Drogenbos versterkt moeten worden door de toevoeging van de activiteiten van de huidige concessies van Meiser (Schaarbeek), Woluwe (Sint-Pieters-Woluwe), Fort Jaco (Ukkel), Centre (Anderlecht), Expo (Laken) en Vilvoorde. Bovendien zou de carrosserie van Malie (Elsene) verplaatst worden naar een grotere site ten zuiden van Brussel. Na afloop van dit project zou het netwerk van de D'Ieteren Car Centers 7 multimerkensites moeten tellen, ten opzichte van 12 sites – waarvan de helft monomerkensites – nu. Deze groeperingen hebben tot doel optimaal tegemoet te komen aan de constant evoluerende behoeften van de automobilisten en functionelere sites te exploiteren, met optimale verkoop- en naverkoopstromen, waardoor de productiviteit kan stijgen.
Deze herconfiguratie zou geen collectief ontslag inhouden dankzij interne re-integraties, ondersteund door aangepaste opleidingen, en dankzij de natuurlijke vertrekken en vervroegde pensioneringen die de komende vijf jaar voorzien zijn.
Het hele project zou zich uitspreiden over vijf jaar en zal ondersteund worden door totale bruto investeringen ten bedrage van ongeveer 27 miljoen EUR gespreid over deze periode. De eventuele verkoop van de vrijgemaakte locaties zou ongeveer 10 miljoen EUR inkomende liquiditeiten genereren.
Op termijn zou het project de D'Ieteren Car Centers – die vandaag een jaarlijks verlies realiseren van ongeveer 10 miljoen EUR – in staat moeten stellen om hun financiële evenwicht te herstellen.
Geen andere belangrijke gebeurtenis, buiten de normale gang van zaken, vond plaats tussen het periode-einde en de datum waarop die geconsolideerde financiële staten werden goedgekeurd voor publicatie.
Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons oordeel over de geconsolideerde balans op 31 december 2013, over de geconsolideerde resultatenrekening van het boekjaar afgesloten op 31 december 2013 en over de toelichting, en omvat tevens de vereiste bijkomende vermelding.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van D'Ieteren NV over het boekjaar afgesloten op 31 december 2013, opgesteld op basis van de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie, met een balanstotaal van EUR 3.554,7 miljoen en waarvan de resultatenrekening afsluit met een geconsolideerde winst van het boekjaar van EUR 118,0 miljoen.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk om de geconsolideerde jaarrekening op te stellen die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards, alsook voor het implementeren van een interne beheersing die hij nuttig oordeelt voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van het maken van fouten, bevat.
Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle, die wordt volgens de internationale controlestandaarden uitgevoerd (ISA). Die standaarden vereisen dat wij aan de deontologische vereisten voldoen alsook de controle plannen en uitvoeren om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijkingen van materiel belang bevat.
Een controle omvat werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De selectie met betrekking tot uitgevoerde werkzaamheden is afhankelijk van de beoordeling door de commissaris, inclusief diens inschatting van de risico's van een afwijking van materieel belang in de jaarrekening als gevolg van fraude of het maken van fouten. Bij het maken van die risico-inschatting beoordeelt de commissaris de interne beheersing van de entiteit met betrekking tot het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft, teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet gericht zijn op het geven van een oordeel over de doeltreffende werking van de interne beheersing van de entiteit. Een controle omvat tevens een evaluatie van de toepasselijkheid van het gehanteerde stelsel inzake financiële verslaggeving, de redelijkheid van door het bestuursorgaan gemaakte schattingen en de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening als geheel. Wij hebben van de verantwoordelijken en van het bestuursorgaan van de entiteit de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen. Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om daarop ons oordeel te baseren.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening van D'Ieteren NV per 31 december 2013 een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van het geconsolideerd geheel, alsook van diens resultaten en van diens kasstroom over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. In het kader van onze opdracht, is het onze verantwoordelijkheid om, voor alle betekenisvolle aspecten, de naleving van bepaalde wettelijke en reglementaire verplichtingen na te gaan.
Op grond hiervan doen wij de volgende bijkomende verklaring die niet van aard is om de draagwijdte van ons oordeel over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:
Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening behandelt de door de wet vereiste inlichtingen, stemt in alle van materieel belang zijnde opzichten overeen met de geconsolideerde jaarrekening en bevat geen informatie die kennelijk inconsistent is met de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.
Terhulpen , op 26 maart 2014
BDO Bedrijfsrevisoren Burg.Ven. CVBA Commissaris Vertegenwoordigd door
Hugues Fronville Félix Fank Bedrijfsrevisor Bedrijfsrevisor
De statutaire jaarrekening van s.a. D'Ieteren n.v. wordt hieronder samengevat overeenkomstig artikel 105 van de vennootschapswet. De gehele versie van de statutaire jaarrekening, samen met het jaarverslag van de Raad van bestuur en het verslag van de Commissaris, zullen binnen de wettelijke termijn bij de Nationale Bank van België neergelegd worden en kunnen gratis verkregen worden via het internet (www.dieteren.com) of op aanvraag bij:
s.a. D'Ieteren n.v.
Maliestraat 50 B - 1050 Brussel
De Commissaris heeft een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud van de statutaire jaarrekening gegeven.
Op 31 december
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 | |
|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||
| Vaste activa | 2.507,1 | 2.478,1 | |
| II. | Immateriële vaste activa | 6,0 | 4,2 |
| III. | Materiële vaste activa | 101,1 | 102,0 |
| IV. | Financiële vaste activa | 2.400,0 | 2.371,9 |
| Vlottende activa | 353,5 | 356,2 | |
| V. | Vorderingen op meer dan één jaar | 20,0 | 20,0 |
| VI. | Voorraden | 270,2 | 302,8 |
| VII. | Vorderingen op ten hoogste één jaar | 32,2 | 5,0 |
| VIII. | Geldbeleggingen | 25,6 | 22,6 |
| IX. | Liquide middelen | 0,3 | 0,5 |
| X. | Overlopende rekeningen | 5,2 | 5,3 |
| TOTAAL DER ACTIVA | 2.860,6 | 2.834,3 | |
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 | |
| PASSIVA | |||
| Eigen vermogen | 930,4 | 960,9 | |
| I.A. | Geplaatst kapitaal | 160,0 | 160,0 |
| II. | Uitgiftepremies | 24,4 | 24,4 |
| IV. | Reserves | 696,3 | 696,5 |
| V. | Overgedragen winst | 49,7 | 80,0 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 26,2 | 29,1 | |
| Schulden | 1.904,0 | 1.844,3 | |
| VIII. | Schulden op meer dan één jaar | 1.100,3 | 1.340,6 |
| IX. | Schulden op ten hoogste één jaar | 744,0 | 446,3 |
| X. | Overlopende rekeningen | 59,7 | 57,4 |
| TOTAAL DER PASSIVA | 2.860,6 | 2.834,3 |
Jaar afgesloten op 31 december
| in miljoen EUR | 2013 | ||
|---|---|---|---|
| I. | Bedrijfsopbrengsten | 2.600,0 | 2.753,9 |
| II. | Bedrijfskosten | 2.556,4 | 2.666,2 |
| III. | Bedrijfswinst | 43,6 | 87,7 |
| IV. | Financiële opbrengsten | 28,0 | 5,4 |
| V. | Financiële kosten | 50,6 | 60,2 |
| VI. | Resultaat uit de gewone bedrijfsuitoefening, vóór belasting | 21,0 | 32,9 |
| VII. | Uitzonderlijke opbrengsten | - | 58,8 |
| VIII. | Uitzonderlijke kosten | 7,3 | 7,1 |
| IX. | Resultaat van het boekjaar vóór belasting | 13,7 | 84,6 |
| IXbis. | Uitgestelde belastingen | - | - |
| X. | Belastingen op het resultaat | -0,1 | -0,1 |
| XI. | Resultaat van het boekjaar | 13,6 | 84,5 |
| XII. | Wijziging van de belastingvrije reserves (1) | 0,1 | 0,1 |
| XIII. | Te bestemmen resultaat van het boekjaar | 13,7 | 84,6 |
(1) Onttrekking aan de belastingvrije reserves (+) / Overboeking naar de belastingvrije reserves (-).
Jaar afgesloten op 31 december
| in miljoen EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| RESULTAATSVERWERKING | ||
| Te bestemmen winst (verlies) | 93,7 | 154,6 |
| Te bestemmen winst (verlies) van het boekjaar | 13,7 | 84,6 |
| Overgedragen winst (verlies) van het vorige boekjaar | 80,0 | 70,0 |
| Onttrekking aan het eigen vermogen | 0,7 | 0,7 |
| Aan de reserves | 0,7 | 0,7 |
| Toevoeging aan het eigen vermogen | 0,7 | 31,2 |
| aan de overige reserves | 0,7 | 31,2 |
| Over te dragen winst (verlies) | 49,7 | 80,0 |
| Uit te keren winst | 44,0 | 44,0 |
| Vergoeding van het kapitaal | 44,0 | 44,0 |
Deze voorgestelde resultaatverwerking moet goedgekeurd worden door de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering op 5 juni 2014.
De Commissaris voor de statutaire rekeningen is BDO Bedrijfsrevisoren Burg.Ven. ("BDO"). De vergoeding van de Commissaris, inclusief de honoraria gefactureerd door entiteiten die in verband zijn met de Commissaris voor de statutaire rekeningen overeenkomstig artikel 134 van de vennootschapswet, wordt als volgt geanalyseerd:
| in EUR | 2013 | 2012 |
|---|---|---|
| Revisorale opdrachten | ||
| s.a. D'Ieteren n.v. (gefactureerd door BDO) | 203.160 | 197.244 |
| Andere opdrachten | ||
| Andere controleopdrachten | ||
| s.a. D'Ieteren n.v. (gefactureerd door BDO) | 88.781 | 42.952 |
| Andere opdrachten (due diligences - gefactureerd door BDO Corporate Finance) | 95.535 | - |
| Belastingadvies (gefactureerd door SC BDO, Conseils fi scaux – Belastingsconsulenten – voorheen Socofi dex) |
23.639 | 19.159 |
| TOTAAL | 411.115 | 259.355 |
De geactiveerde informatica ontwikkelingskosten (immateriële vaste activa) worden volgens de lineaire methode afgeschreven gedurende hun gehele economische levensduur. De duur van deze afschrijving mag niet kleiner zijn dan 2 jaar noch groter dan 7 jaar.
Materiële vaste activa worden gewaardeerd aan hun aanschaffingswaarde. De interestkosten van het opgenomen kapitaal ter financiering van de investering zijn hier niet inbegrepen. Vaste activa die in bruikleen, financieringshuur of gelijkaardige rechten worden gehouden, worden voor hun reconstitutiewaarde in kapitaal opgenomen. De afschrijvingspercentages van de vaste activa worden bepaald in functie van de vermoedelijke economische gebruiksduur. Vanaf 1 januari 2003 worden de verworven of de na deze datum opgestelde vaste activa pro rata temporis afgeschreven. De hieraan verbonden kosten worden over dezelfde periode afgeschreven.
De voornaamste afschrijvingspercentages zijn de volgende:
| Percentage | Methode | |
|---|---|---|
| Gebouwen | 5% | L/D |
| Inrichting van lokalen | 10% | L/D |
| Magazijn- en garage uitrusting | 15% | L/D |
| Netwerkidentifi catiematerieel | 20% | L/D |
| Kantoormeubilair | 10% | L/D |
| Kantoormaterieel | 20% | L/D |
| Rollend materieel | 25% | L |
| Verwarmingsuitrusting | 10% | L/D |
| Informatica-uitrusting | 20%-33% | L/D |
L: lineair.
D: degressief (percentage dubbel zo hoog als het basispercentage).
Materiële vaste activa worden geherwaardeerd wanneer ze een zekere duurzame meerwaarde vertonen. De afschrijvingen op de herwaarderingsmeerwaarden worden lineair berekend op de resterende looptijd voorzien in het afschrijvingsplan van de betrokken goederen.
Financiële vaste activa worden opgenomen aan hun aanschaffingsprijs, na aftrek van de nog niet opgevorderde bedragen (deelnemingen) of aan de nominale waarde (vorderingen). Ze kunnen aan herwaardering worden onderworpen. Ze ondergaan waardeverminderingen in geval van duurzame minderwaarde of waardevermindering. Bijkomende kosten worden ten laste genomen tijdens het boekjaar.
Vorderingen op meer dan één jaar en vorderingen op ten hoogste één jaar worden gewaardeerd aan hun nominale waarde. Waardeverminderingen worden toegepast indien de terugbetaling na afloop van de termijn geheel of gedeeltelijk onzeker is of in gevaar gebracht wordt, of indien de realisatiewaarde bij afsluiting van het boekjaar lager is dan de boekwaarde.
Voorraden nieuwe wagens worden gewaardeerd aan hun geïndividualiseerde aanschaffingsprijs. De andere voorraadrubrieken worden gewaardeerd aan hun aanschaffingsprijs volgens de fifomethode, de gewogen gemiddelde prijs of de geïndividualiseerde aanschaffingsprijs. Waardeverminderingen worden toegepast naargelang de realisatiewaarde of de marktwaarde.
Geldbeleggingen en liquide middelen worden opgenomen aan hun aanschaffingswaarde. Ze zijn onderhevig aan waardeverminderingen indien de realisatiewaarde bij afsluiting van het boekjaar lager ligt dan de aanschaffingswaarde.
Indien deze beleggingen uit eigen aandelen bestaan, aangehouden ter dekking van aandelenopties, worden bijkomende waardeverminderingen geboekt als de uitoefenprijs lager ligt dan de boekwaarde zoals beschreven in voorgaande paragraaf.
Voorzieningen voor risico's en kosten worden geïndividualiseerd opgenomen en houden rekening met voorzienbare risico's. Ze zijn aan terugname onderhevig in zover ze bij afsluiting van het boekjaar een actuele schatting overschrijden van de risico's en kosten waarvoor ze zijn opgesteld.
Schulden worden aan hun nominale waarde opgenomen.
Financiële vaste activa worden gewaardeerd in overeenstemming met het advies 152/4 van de Commissie voor Boekhoudnormen. Voorraden worden aan de historische koers gewaardeerd, of aan de gemiddelde koers bij afsluiting van het boekjaar, indien deze lager ligt dan de historische koers. Monetaire posten en verplichtingen worden gewaardeerd aan de officiële slotkoers of aan de koers van het contract in het geval van specifieke afdekkingstransacties. Alleen de negatieve verschillen per valuta worden in het resultaat opgenomen.
De Vennootschap voegt zich naar de Belgische Corporate Governance Code 2009, die beschikbaar is op de website www.corporategovernancecommittee.be. Ze publiceert sinds 1 januari 2006 haar Corporate Governance Charter op haar website (www.dieteren.com). Bij de toepassing van de principes van de Code wordt echter rekening gehouden met de bijzondere structuur van het aandeelhouderschap van de Vennootschap, waarvan de familiale aandeelhouders de meerderheid hebben en de stabiliteit verzekeren sinds 1805. De afwijkingen van de Code worden uiteengezet pagina 82.
De Raad van bestuur is samengesteld uit:
De Voorzitter en Ondervoorzitter van de Raad zijn gekozen onder de bestuurders die op voorstel van de familiale aandeelhouders benoemd zijn.
Twee vrouwelijke bestuurders maken deel uit van de Raad.
Behoudens zijn wettelijke en statutaire bevoegdheden en die van de Algemene vergadering, voert de Raad van bestuur de volgende taken uit:
de bestuurders aanduiden die door de Vennootschap worden voorgesteld voor de Raden van bestuur van haar voornaamste dochterondernemingen;
de CEO benoemen en herroepen, alsook op voorstel van de CEO de directieleden die aan hem rapporteren, en hun bezoldiging bepalen;
toezicht houden op en onderzoek uitvoeren wat betreft de prestaties van het dagelijkse bestuur;
| Samenstelling | Auditcomité2 | Benoemingscomité | Remuneratiecomité2 |
|---|---|---|---|
| Voorzitter | Pascal Minne | Roland D'Ieteren | Roland D'Ieteren |
| Leden | Christine Blondel3 4 | Christine Blondel3 | Christine Blondel3 |
| Axel Miller5 | Nicolas D'Ieteren | Axel Miller5 | |
| Gilbert van Marcke de Lummen6 | Axel Miller5 | Michèle Sioen3 4 | |
| Christian Varin7 | Pascal Minne | ||
| Maurice Périer | |||
| Olivier Périer | |||
| Alain Philippson |
1 Een derde onafhankelijke bestuurder, de Heer Pierre-Olivier Beckers (vaste vertegenwoordiger van Pierre-Olivier Beckers sprl), werd tijdelijk benoemd door de Raad van bestuur van 16 januari 2014 om het mandaat van de heer Christian Varin, die aftredend was, te voltooien. De Gewone Algemene Vergadering van 5 juni 2014 zal worden uitgenodigd deze tijdelijke aanstelling goed te keuren en het mandaat te vernieuwen.
2 Rekening houdend met hun respectieve opleidingen en hun managementervaring in bedrijven met een industrieel of financieel karakter, beschikken de leden van het Auditcomité enerzijds en van het Remuneratiecomité anderzijds over de door de wet vereiste vaardigheden inzake boekhouding en audit voor de eerstgenoemden en inzake remuneratiebeleid voor de laatstgenoemden.
3 Onafhankelijk bestuurder.
4 Lid van het Comité sinds 1 juli 2013.
5 Onafhankelijk bestuurder en lid van het Comité tot 31 juli 2013. 6 Lid van het Comité tot 30 mei 2013.
7 Vervangen door Nayarait Participations s.c.a. (vaste vertegenwoordiger: de Heer Frédéric de Vuyst) op 16 januari 2014.
| Samenstelling van de Raad van bestuur (per 31 december 2013) | Toetreding tot de Raad |
Einde van het mandaat |
|
|---|---|---|---|
| Roland D'Ieteren (71)1 |
Voorzitter van de Raad Handelsingenieur (Solvay), MBA (INSEAD). Directeur-generaal van D'Ieteren van 1975 tot 2005. Voorzitter van de Raad van bestuur van D'Ieteren sinds 2005. Ere-bestuurder van Belron. |
1968 | Juni 2014 |
| Maurice Périer (75)1 | Ondervoorzitter van de Raad Kandidaat Burgerlijk Ingenieur en kandidaat Handelsingenieur Solvay (ULB). Carrière bij ELECTROBEL (1971-1987): beheercontroleur; CEO van een dochteronderneming actief in de elektroakoestiek; studiebureau; Secretaris-generaal van ELECTROBEL Engineering Int. Bestuurder van D'Ieteren sinds 1978. Ondervoorzitter van de Raad sinds 1993. |
1978 | Mei 2015 |
| Axel Miller (49) | Onafhankelijk bestuurder tot 31 juli 2013 – Gedelegeerd bestuurder vanaf 1 augustus 2013 Diploma Rechten (ULB). Partner van Stibbe Simont, later Clifford Chance (1996-2001). Na diverse uitvoerende functies binnen de groep Dexia, Voorzitter van het Directiecomité van Dexia Bank België (2002-2006) en gedelegeerd bestuurder van Dexia NV (2006-2008). Partner van Petercam van 2009 tot maart 2012. Bestuurder van vennootschappen: Carmeuse (Voorzitter), Spadel, Duvel Moortgat, IPM (Voorzitter). |
2010 | Juni 2014 |
| Nicolas D'Ieteren (38)1 |
Niet-uitvoerend bestuurder BSc Finance & Management (Universiteit van Londen); Asia Int'l Executive Program en Human Resources Management in Asia Program (INSEAD). Leider van projecten bij Bentley Germany en Porsche Austria. Van 2003 tot 2005, fi nancieel directeur van een afdeling van Total VK. Sinds 2005 gedelegeerd bestuurder van een Private Equity fonds dat belegt in jonge ondernemingen. Bestuurder van Belron. |
2005 | Mei 2015 |
| Olivier Périer (42)1 | Niet-uitvoerend bestuurder Diploma architectuur, richting stedenbouw (ULB); Executive Program for the Automotive Industry (Solvay); International Executive Program and Business Strategy Asia Pacifi c (INSEAD). Vennoot oprichter van het architectuurbureau Urban Platform. Gedelegeerd bestuurder van de particuliere investeringsonderneming SPDG sinds 2010. Lid van de Overlegraad van Amethis Finance en bestuurder van verscheidene risicokapitaal ondernemingen. Bestuurder van Belron. |
2005 | Mei 2015 |
| s.a. de Participations et de Gestion (SPDG)1 |
Niet-uitvoerend bestuurder – Vaste vertegenwoordiger: Michel Allé (62) Burgerlijk Ingenieur en economist (ULB). Trad in 1987 in dienst bij Cobepa en was er lid van het Directiecomité (1995-2000). CFO van Brussels Airport (2001-2005). CFO van SNCB Holding (2005- 2013) en CFO van SNCB sinds 1 januari 2014. Bestuurder van Zetes Industries en Voorzitter van de Raad van bestuur van Euroscreen. Professor aan de ULB. |
2001 | Juni 2014 |
| Nayarit Participations s.c.a.1 |
Niet-uitvoerend bestuurder – Vaste vertegenwoordiger vanaf 1 juni 2013: Frédéric de Vuyst (40)2 Kandidaat Rechten (FUNDP), BA Business & BSc Finance (London Metropolitan Business School). Managing Director Corporate & Investment Banking BNP Paribas Belgium tot 2008. Management Committee Corporate & Public Banking en Management Committee Investment Banking BNP Paribas Fortis tot 2012. Sindsdien, gedelegeerd bestuurder van een private equity fonds. |
2001 | Juni 2014 |
| Jean-Pierre Bizet (65) |
Gedelegeerd bestuurder tot 31 juli 2013 – Niet-uitvoerend bestuurder vanaf 1 augustus 2013 Handelsingenieur (Solvay), MBA (Harvard), Doctor in de Toegepaste Economie (ULB). Consultant, partner, director bij McKinsey (1980-1994). Gedelegeerd bestuurder van GIB Group (1999- 2002). Trad in 2002 in dienst bij D'Ieteren, gedelegeerd bestuurder (2005-2013). Verscheidene bestuurdersmandaten. Professor strategie aan de ULB. |
2005 | Mei 2015 |
| Christine Blondel (55) |
Onafhankelijk bestuurder Ecole Polytechnique (Frankrijk), MBA (INSEAD). Oefende uitvoerende functies uit bij Procter & Gamble en leidde het Wendel International Centre for Family Enterprise aan INSEAD, waar ze adjunct-professor van Family Enterprise is. Stichtster van FamilyGovernance, raadgeving aan familiebedrijven. Bestuurder van de Fondation INSEAD. |
2009 | Juni 2017 |
| Pascal Minne (63) | Niet-uitvoerend bestuurder Diploma Rechten (ULB), master in de economie (Oxford). Partner en Voorzitter van PricewaterhouseCoopers België (tot in 2001). Vennoot en bestuurder van Petercam sinds 2001. Bestuurder van vennootschappen. Professor fi scaal recht aan de ULB. |
2001 | Juni 2014 |
| Alain Philippson (74) | Niet-uitvoerend bestuurder Handelsingenieur (Solvay Business School). Trad in 1972 in dienst bij Bank Degroof en is nu Voorzitter van de Raad. Voorzitter van de Raad van bestuur van Banque Degroof Luxembourg. Voorzitter van de Overlegraad van de SBSEM (ULB) en van tal van stichtingen. |
1987 | Mei 2015 |
| Michèle Sioen (48) | Onafhankelijk bestuurder Diploma economie. CEO van Sioen Industries. Ondervoorzitter van het VBO sinds 2011 en Voorzitter vanaf mei 2014. Bestuurder, o.a., van ING Belgium en Guberna. Lid van de Commissie Corporate Governance. |
2011 | Mei 2015 |
| Christian Varin (66)3 | Niet-uitvoerend bestuurder Institut d'Etudes Politiques (Parijs), MBA (Wharton), Doctor in Management (Universiteit van Parijs). BNP Paribas (tot in 2004). Gedelegeerd bestuurder van Cobepa (1996-2009), Voorzitter van de Raad van bestuur van Cobepa (2010-2013). Bestuurder van vennootschappen (ISOS, Gingko, Yareal, Cie Financière Rothschild, BPERE, Aminter). |
2001 | Juni 2014 |
1 Benoemd op voorstel van de familiale aandeelhouders.
2 Tot de Algemene vergadering van 30 mei 2013 was de vaste vertegenwoordiger van Nayarit Participations s.c.a. de Heer Gilbert van Marcke de Lummen.
3 Op 16 januari 2014 werd de Heer Christian Varin vervangen door de Heer Pierre-Olivier Beckers (vaste vertegenwoordiger van Pierre-Olivier Beckers sprl), die een onafhankelijk bestuurder is. De goedkeuring van zijn benoeming en de hernieuwing van zijn mandaat zullen voorgesteld zijn aan de Gewone Algemene Vergadering in juni 2014.
De Raad van bestuur komt minstens zes keer per jaar bijeen. Indien nodig worden bijkomende vergaderingen gehouden. De beslissingen van de Raad van bestuur worden bij meerderheid van stemmen genomen. Bij staken van stemmen is de stem van de Voorzitter doorslaggevend. In 2013 kwam de Raad 10 keer bijeen. Alle bestuurders hebben alle vergaderingen bijgewoond, behalve:
Het onafhankelijke bestuurdersmandaat van Mevr. Christine Blondel en het bestuurdersmandaat van de Heer Alain Philippson werden verlengd voor termijnen van respectievelijk 4 en 2 jaar.
het Auditcomité kwam in 2013 4 keer bijeen, waarvan 2 keer in aanwezigheid van de Commissaris. Alle bestuurders hebben alle vergaderingen bijgewoond, behalve de Heer Christian Varin, die voor één vergadering werd geëxcuseerd;
het Benoemingscomité kwam in 2013 4 keer bijeen. Alle bestuurders hebben alle vergaderingen bijgewoond, behalve de Heer Axel Miller, die voor één vergadering die hem betrof werd geëxcuseerd;
het Remuneratiecomité kwam in 2013 5 keer bijeen, waarvan 2 keer in een beperkt comité in de aanwezigheid van een externe adviseur. Alle bestuurders hebben de 3 voltallige vergaderingen bijgewoond, behalve Mevr. Michèle Sioen, die voor één vergadering werd geëxcuseerd, en de Heer Axel Miller, die voor één vergadering die hem betrof werd geëxcuseerd.
Elk Comité bracht verslag uit over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur.
Per 31 december 2013 bestaat het Auditcomité uit minstens drie niet-uitvoerende bestuurders, waarvan ten minste één onafhankelijke; de Voorzitter, die zich kan laten vertegenwoordigen door de Ondervoorzitter, alsook een andere bestuurder die deel uitmaakt van het familiale aandeelhouderschap, worden op de vergaderingen van het Auditcomité uitgenodigd. De opdrachten van het Auditcomité bestaan er hoofdzakelijk in toezicht te houden op de jaarrekeningen van de Vennootschap en op het risicobeheer en de systemen van interne controle. Het Comité neemt kennis van de verslagen van de Commissarissen betreffende de halfjaar- en jaarresultaten van de geconsolideerde dochterondernemingen. Het Auditcomité komt minstens viermaal per jaar samen, waarvan eenmaal per semester in aanwezigheid van de Commissaris, en brengt verslag uit over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur. Een speciale vergadering is ook gewijd aan het overzicht van het risicobeheer en de systemen van interne controle. Het Charter van het Auditcomité zoals aangenomen door de Raad van bestuur is opgenomen in Bijlage I van het Corporate Governance Charter dat beschikbaar is op de website van de Vennootschap.
Per 31 december 2013 bestaat het Benoemingscomité uit zeven niet-uitvoerende bestuurders, waaronder de Voorzitter van de Raad van bestuur, die het Comité voorzit, en ten minste één onafhankelijke bestuurder. Het Comité legt de Raad voorstellen voor die betrekking hebben op de benoeming van de niet-uitvoerende bestuurders, de CEO en, op voorstel van deze laatste, de directieleden die aan hem rapporteren, en zorgt ervoor dat er formele, rigoureuze en transparante procedures bestaan binnen de Vennootschap om de beslissingen van de Raad te ondersteunen. Het Comité komt minstens tweemaal per jaar samen en brengt verslag uit over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur. Het Charter van het Benoemingscomité zoals aangenomen door de Raad van bestuur is opgenomen in Bijlage II a van het Corporate Governance Charter dat beschikbaar is op de website van de Vennootschap.
Per 31 december 2013 bestaat het Remuneratiecomité uit drie niet-uitvoerende bestuurders, waaronder de Voorzitter van de Raad van bestuur, die het Comité voorzit, en twee onafhankelijke bestuurders; een niet-uitvoerende bestuurder die deel uitmaakt van het familiale aandeelhouderschap wordt ook op de vergaderingen uitgenodigd. Het Comité legt de Raad voorstellen voor die betrekking hebben op de remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders, de CEO en, op voorstel van deze laatste, de directieleden die aan hem rapporteren, en zorgt ervoor dat er formele, rigoureuze en transparante procedures bestaan binnen de Vennootschap om de beslissingen van de Raad te ondersteunen. Hij maakt ook het remuneratieverslag klaar en licht het toe op de Algemene vergadering. Het Comité komt minstens tweemaal per jaar samen en brengt verslag uit over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur. Het Charter van het Remuneratiecomité zoals aangenomen door de Raad van bestuur is opgenomen in Bijlage II b van het Corporate Governance Charter dat beschikbaar is op de website van de Vennootschap.
De Voorzitter en Ondervoorzitter komen maandelijks samen met de gedelegeerd bestuurder in het Overlegcomité, dat een regelmatige samenwerking met de gedelegeerd bestuurder waarborgt, om de gang van zaken op te volgen, de vooruitgang van belangrijke projecten na te gaan en de vergaderingen van de Raad van bestuur voor te bereiden.
Het is de bestuurders en directieleden niet toegestaan om zonder de uitdrukkelijke toestemming van de Raad van bestuur betaalde diensten te leveren en rechtstreeks of onrechtstreeks goederen te kopen of te verkopen aan de Vennootschap of vennootschappen van haar groep in het kader van transacties die geen deel uitmaken van hun mandaten of functies. De transacties uitgevoerd binnen het gebruikelijke kader van de activiteiten van de Vennootschap vormen hierop als enige een uitzondering. Ze zijn ertoe gehouden om de Voorzitter of de gedelegeerd bestuurder te raadplegen die beslist of er bij de Raad van bestuur om een derogatie kan worden verzocht en, in dit laatste geval, of de Secretaris van de Raad ingelicht moet worden over de details van de transactie. De Secretaris zal ervoor zorgen dat de desbetreffende wettelijke maatregelen toegepast worden. De uitvoering van voornoemde transacties is in elk geval slechts toegestaan als ze worden uitgevoerd tegen marktvoorwaarden.
De Raad van bestuur en zijn Comités evalueren regelmatig, en minstens één keer om de drie jaar, hun omvang, hun samenstelling, hun werking, hun prestaties en hun relaties met de directieleden als organen van de Vennootschap, evenals de individuele bijdrage van elke bestuurder aan de globale werking ten einde de efficiëntie van hun werking en de bijdrage ervan aan het deugdelijke bestuur van de groep voortdurend te verbeteren.
Deze zelfevaluatie gebeurt aan de hand van een gedetailleerde vragenlijst die elke bestuurder ontvangt en waarin de verschillende hiervoor vermelde evaluatiecriteria aan bod komen. De antwoorden deze vragenlijst worden besproken tijdens individuele interviews die uitgevoerd worden door twee onafhankelijke bestuurders die lid zijn van het Benoemingscomité. Deze bestuurders stellen een samenvatting van de antwoorden aan de vragenlijst en van de individuele interviews voor aan de Raad van bestuur, en maken hem concrete aanbevelingen De Raad kreeg de aanbevelingen van de laatste driejaarlijkse zelfevaluatie van de Raad en van zijn comités in december 2012.
Het executieve management van de groep bestaat uit de CEO van de groep, de CFO van de groep, de CLO van de groep – dat ook verantwoordelijk is voor het secretariaat van de Raad – en de Group Treasurer. De gedelegeerd bestuurder (CEO) is verantwoordelijk voor het dagelijkse beheer van de Vennootschap. Hij wordt bijgestaan door het executieve management, dat op groepsniveau belast is met de taken financiën, financiële communicatie, relaties met de beleggers, consolidatie van de rekeningen, thesaurie en juridische en fiscale aangelegenheden.
De Pool Autodistributie – D'Ieteren Auto, een operationele afdeling van de s.a. D'Ieteren n.v. zonder afzonderlijke rechtspersoonlijkheid – wordt geleid door de CEO van D'Ieteren Auto, die rapporteert aan de gedelegeerd bestuurder van de groep. De CEO van D'Ieteren Auto zit het managementcomité van D'Ieteren Auto voor, dat is samengesteld uit vijf andere leden die verantwoordelijk zijn voor de afdelingen D'Ieteren Car Centers, Administratie en Financiën, Group Service, Marketing, en Human Resources en Facilities.
De Pool Voertuigbeglazing omvat Belron, waarvan D'Ieteren op 31 december 2013 94,85 % van het kapitaal in handen had, en zijn filialen. Per 31 december 2013 wordt Belron geleid door een Raad van bestuur van 12 leden, waaronder 6 bestuurders benoemd op voorstel van D'Ieteren, 1 bestuurder benoemd op voorstel van de stichtende aandeelhouders, 2 uitvoerende bestuurders en 3 niet-uitvoerende bestuurders. De gedelegeerd bestuurder van D'Ieteren is lid van deze Raad die hij ook voorzit. De Raad van bestuur van Belron heeft 2 Comités: het Auditcomité en het Remuneratiecomité, elk voorgezeten door een bestuurder benoemd op voorstel van D'Ieteren.
De externe audit wordt tot de Algemene Vergadering van mei 2011 uitgevoerd door BDO Bedrijfsrevisoren Soc. Civ. SCRL, vertegenwoordigd door Hugues Fronville en Félix Fank, waarvan het mandaat verloopt op de Algemene vergadering in juni 2014.
De vergoedingen die in 2013 door de Commissaris en zijn aanverwante vennootschappen werden aangerekend voor diensten verleend aan de n.v. D'Ieteren, bedroegen (excl. btw) 203.160 EUR voor de wettelijk verplichte controle op de statutaire en geconsolideerde jaarrekeningen en 112.420 EUR voor niet-auditopdrachten, waarvan 88.781 EUR voor andere controleopdrachten en 23.639 EUR voor fiscaal advies. De vergoedingen voor diensten met betrekking tot de controle van de economische et financiële gegevens van Beerens NV en Joly Services bvba, in het kader van de overname van deze ondernemingen door de Vennootschap of één van haar dochterondernemingen, bedroegen (excl. btw) 95.535 EUR.
De Vennootschap wijkt af van de Code op de volgende principes:
De groep van bestuurders benoemd op voorstel van de familiale aandeelhouders kan de beslissingen domineren. In vennootschappen waar het familiale aandeelhouderschap een meerderheid vertegenwoordigt in het maatschappelijke kapitaal, hebben de familiale aandeelhouders, in tegenstelling tot de anderen, niet de keuze hun aandelen te verkopen indien zij niet akkoord gaan met de beslissingen van de Raad van bestuur. Hun paritaire of meerderheidsvertegenwoordiging in de Raad biedt hun de mogelijkheid de beslissingen te beïnvloeden en op deze manier de stabiliteit van het aandeelhouderschap te verzekeren, wat voor de rendabele en duurzame groei van de Vennootschap efficiënt is gebleken. De potentiële risico's voor het besturen van de onderneming die voortvloeien uit het bestaan van een sterke controle door het referentieaandeelhouderschap op het functioneren van de Raad, kunnen bovendien getemperd worden, enerzijds, door een verstandig gebruik van deze macht door de betrokken bestuurders in het respect van de rechtmatige belangen van de Vennootschap en van haar minderheidsaandeelhouders en, anderzijds, door de duurzame aanwezigheid van meerdere niet-uitvoerende bestuurders die het familiale aandeelhouderschap niet vertegenwoordigen, wat een reële dialoog binnen de Raad mogelijk maakt.
De samenstelling van het Auditcomité en van het Benoemingscomité, die elk minstens één onafhankelijke bestuurder bevatten, wijkt af van de Belgische Corporate Governance Code, die een meerderheid onafhankelijke bestuurders aanbeveelt. De Raad is inderdaad de mening toegedaan dat een grondige kennis van de onderneming ten minste even belangrijk is als hun onafhankelijkheid.
Het remuneratiebeleid en de individuele bezoldigingsbedragen van de niet-uitvoerende bestuurders en van het executieve management van de s.a. D'Ieteren n.v. worden bepaald door de Raad van bestuur, op basis van aanbevelingen geformuleerd door het Remuneratiecomité. Belron n.v., waarvan het kapitaal minderheidsaandeelhouders omvat, beschikt over een eigen Raad van bestuur en een eigen Remuneratiecomité die de bezoldiging bepalen van zijn niet-uitvoerende bestuurders en executieve managementleden.
Op het einde van elk boekjaar onderzoekt het Remuneratiecomité van D'Ieteren, op basis van de voorstellen van de CEO indien het gaat om directieleden die aan hem rapporteren, de volgende elementen die ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Raad:
De Raad is van plan om deze procedure in stand te houden tijdens de twee boekjaren die volgen op het hier besproken boekjaar.
De Vennootschap voert een passend bezoldigingsbeleid om niet-uitvoerende bestuurders in de Raadaan te trekken en te behouden die beschikken over brede competenties in de verschillende disciplines die vereist zijn voor de rendabele ontwikkeling van haar activiteiten. Deze bestuurders ontvangen dezelfde vaste jaarlijkse bezoldiging, ongeacht hun aanwezigheid op de bijeenkomsten. Sommige bestuurders ontvangen bovendien een aanvullende vaste bezoldiging voor de levering van specifieke prestaties als voorzitter of ondervoorzitter van de Raad, voor de deelname aan één of meer Comités van de Raad en, in voorkomend geval, voor het voordeel dat verband houdt met de beschikking over bedrijfswagens. Bovendien ontvangen bepaalde bestuurders een vaste jaarlijkse bezoldiging van Belron n.v. voor de uitoefening van een mandaat binnen de Raad van bestuur van Belron. De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen bezoldiging gekoppeld aan de prestaties van de onderneming. De gedelegeerd bestuurder ontvangt geen specifieke vergoeding voor zijn deelname aan de Raad van bestuur.
Voor het boekjaar eindigend op 31 december 2013 werd door de Vennootschap en door de dochterondernemingen van de groep aan de niet-uitvoerende bestuurders een bedrag van 1.653.520 EUR gestort, als volgt verdeeld. Er werden geen andere bezoldigingen of voordelen betaald en er werden geen leningen of borgstellingen verleend door de Vennootschap of haar dochterondernemingen.
| 2013 (in EUR) | Basis-remuneratie | Mandaten in dochterondernemingen |
Totale remuneratie |
|---|---|---|---|
| D'Ieteren R. | 428.330 | 428.330 | |
| Périer M. | 191.952 | 191.952 | |
| Bizet JP 1 | 29.167 | 29.167 | |
| Blondel C. | 110.000 | 110.000 | |
| D'Ieteren N. | 88.238 | 35.000 | 123.238 |
| Miller A. 2 | 74.167 | 74.167 | |
| Minne P. | 160.000 | 160.000 | |
| Périer O. | 80.000 | 35.000 | 115.000 |
| Philippson A. | 80.000 | 80.000 | |
| Nayarit (van Marcke) 3 | 45.833 | 45.833 | |
| Nayarit (de Vuyst) 4 | 40.833 | 40.833 | |
| Sioen M. | 75.000 | 75.000 | |
| SPDG (M. Allé) | 70.000 | 70.000 | |
| Varin C. | 110.000 | 110.000 | |
Vanaf 1 augustus 2013.
Tot 31 juli 2013.
Tot 31 mei 2013. 4. Vanaf 1 juni 2013.
Het executieve management bestaat uit Axel Miller, CEO sinds 1 augustus 2013, Benoit Ghiot, Chief Financial Officer, Marc-Henri Decrop, Group Treasurer, en Anne del Marmol, Chief Legal Officer. De groep volgt een passend bezoldigingsbeleid om in deze verschillende functies managers met het gepaste profiel aan te trekken en te behouden, en om hen te motiveren aan de hand van passende incentives. Dit beleid is gebaseerd op externe billijkheidscriteria (toetsing aan vergelijkbare functies buiten de onderneming) en interne billijkheidscriteria (tussen collega's binnen de onderneming).
Het beleid bestaat erin de totale individuele remuneratie van de executieve managers ten minste te laten overeenstemmen met de mediaan van de remuneratie voor functies met vergelijkbare verantwoordelijkheden in vergelijkbare Belgische ondernemingen, zoals vastgesteld op basis van een benchmarking door een onafhankelijke expert. De volgende benchmarking zal uitgevoerd worden in 2014.
Het contract van gedelegeerd bestuurder van Axel Miller voorziet de volgende bestanddelen aangaande de remuneratie:
De remuneratie van de andere leden van het executieve management (en die van Jean-Pierre Bizet voor zijn prestaties als CEO tot 31 juli 2013) omvat:
A. een vaste remuneratie die bestaat uit een basisbezoldiging, werkgeversbijdragen aan pensioenplannen en aan verzekeringen voor hospitalisatie en ongevallen in het privéleven, voordelen van alle aard die verband houden met de terbeschikkingstelling van bedrijfswagens en, in bepaalde gevallen, remuneraties die verband houden met de uitoefening van mandaten van bestuurder bij dochterondernemingen van de groep.
Het pensioenplan van de executieve managementleden is van het type 'vaste bijdragen' en omvat:
B. een variabele remuneratie die bestaat uit:
Voor de spreiding van de betaling van de componenten van deze variabele remuneratie respecteert de Vennootschap de wettelijke vereisten inzake relatieve verhoudingen
De toekenning van de variabele remuneratie houdt verband met de naleving van collectieve kwantitatieve prestatiecriteria (geconsolideerd resultaat ten opzichte van het budget, waarin alle doelstellingen en missies zijn geïntegreerd die door de Raad van bestuur werden goedgekeurd met het oog op waardecreatie op lange termijn), evenals individuele (gekoppeld aan de functiebeschrijving) en collectieve kwalitatieve criteria (onder meer gekoppeld aan de ontwikkeling en de uitvoering van de strategie van de groep, de ontwikkeling van de menselijke en financiële middelen en de realisatie van belangrijke specifieke projecten).
De jaarlijkse bonus is voor 50 % gekoppeld aan de realisatie van de kwantitatieve jaardoelstelling en voor 50 % aan de realisatie van de kwalitatieve doelstellingen. De bonus kan variëren van 0 % tot 150 % van de beoogde doelstelling in EUR, afhankelijk van de jaarlijks uitgevoerde prestatie-evaluatie.
In het begin van het boekjaar dat volgt op dat waarvoor de remuneratie in kwestie wordt toegekend, wordt op basis van de overeengekomen prestatiecriteria een prestatie-evaluatie van de betrokkenen uitgevoerd door de gedelegeerd bestuurder voor de executieve managementleden die aan hem rapporteren, en door de Raad op aanbeveling van het Remuneratiecomité voor de gedelegeerd bestuurder.
Het incentive-programma op lange termijn voor de executieve managementleden bestaat uit de toekenning van opties op aandelen D'Ieteren. De waarde van de toegekende opties, die bepalend is voor het aantal opties, wordt op voorstel van het Remuneratiecomité op het moment van de toekenning bepaald aan de hand van een formule van het type Black & Scholes, rekening houdend met waarderingselementen afkomstig van onafhankelijke derden. De effectieve uitoefening van de opties is afhankelijk van de koersevolutie van het aandeel dat de uitoefening van de opties mogelijk maakt na de vesting-periode van drie jaar.
De eigenschappen van het aandelenoptieplan van D'Ieteren werden goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van 26 mei 2005. Deze opties kunnen uitgeoefend worden vanaf 1 januari van het vierde jaar dat volgt op de datum van de lancering van het aanbod, tot het verstrijken van het tiende jaar na diezelfde datum, met uitzondering van de periodes van anderhalve maand vóór de jaarlijkse en halfjaarlijkse financiële mededelingen. Deze opties verlenen het recht om bestaande aandelen van de onderneming te kopen tegen een uitoefenprijs die – voor elk plan – hetzij de gemiddelde koers van de 30 werkdagen voorafgaand aan de datum van het aanbod is, hetzij de slotkoers van de werkdag die hieraan voorafgaat. Voor meer details over de aandelenoptieplannen verwijzen we naar toelichting 36 bij de geconsolideerde jaarrekening.
De volgende tabellen vatten samen de verschillende remuneratiecategorieën van de gedelegeerd bestuurder (Jean-Pierre Bizet tot 31 juli 2013, Axel Miller vanaf die datum) en van de andere leden van het executieve management van de groep die in 2013 werden toegekend.
| 2013 (in EUR) | CEO Jean-Pierre Bizet1 |
CEO Axel Miller 2 |
Andere leden van het executieve management |
|---|---|---|---|
| Vaste remuneratie op korte termijn | 588.956 | 468.750 | 660.587 |
| Vaste remuneratie op lange termijn | |||
| Groepsverzekering1 | 68.030 | - | 177.154 |
| Totaal vaste remuneratie3 | 656.986 | 468.750 | 837.741 |
| Variabele remuneratie | |||
| Jaarlijkse bonus3 | 262.500 | 203.125 | 272.000 |
| Aandelenopties4 | 262.500 | 203.125 | 400.000 |
| Totaal variabele remuneratie5 | 525.000 | 406.250 | 672.000 |
| Totaal remuneratie | 1.181.986 | 875.000 | 1.509.741 |
In het boekjaar 2012 werden 122.091 opties op aandelen D'Ieteren toegekend aan de executieve managementleden tegen een uitoefenprijs van 33,08 EUR per aandeel, als volgt verdeeld.
| 2013 | Toegekende opties | Uitgeoefende opties | Vervallen opties |
|---|---|---|---|
| Chief Executive Offi cer | |||
| Jean-Pierre Bizet | 37.024 | 26.370 | - |
| Axel Miller | 28.650 | - | - |
| Autres managers exécutifs | |||
| Chief Financial Offi cer | 23.977 | 18.370 | - |
| Group Treasurer | 21.157 | 23.170 | - |
| Chief Legal Offi cer | 11.283 | 16.770 | - |
Behoudens nalatigheid, ongeschiktheid of een ernstige fout, voorziet het contract van Axel Miller als gedelegeerd bestuurder een vertrekvergoeding van 6 maanden (2013-2015), 9 maanden (2015-2017) of 12 maanden (vanaf 2017).
De arbeidsovereenkomsten van de andere leden van het executieve management zijn onderworpen aan de regels van het gewoonterecht die van toepassing zijn bij arbeidsovereenkomsten in België en voorzien geen specifieke vertrekvergoeding in geval van ontbinding van de overeenkomst.
Deze overeenkomsten bevatten geen terugvorderingsclausules die van toepassing zijn mocht de variabele remuneratie toegekend zijn geweest op basis van verkeerde informatie.
Wat betreft het einde van de prestaties als CEO van de Heer Jean-Pierre Bizet op 31 juli 2013, heeft de Raad van bestuur geacht dat de toekenningsvoorwaarden van het variabel gedeelte van zijn remuneratie voor de in 2013 gepresteerde diensten, zoals hiervoor beschreven in "Beschrijving van de verschillende bestanddelen", punt B, vervuld zijn. De Raad heeft ook op 1 juli 2013 de aanbeveling van het Remuneratiecomité goedgekeurd om de Heer Bizet een vertrekvergoeding toe te kennen die neerkomt op 9 maanden vaste en variabele remuneratie op korte termijn, alsook een vast bedrag voor het variabel gedeelte van zijn remuneratie op lange termijn. Het totaal van deze vergoedingen bedraagt 1,2 miljoen EUR3 .
Voor 7 maanden.
Voor 7,5 maanden, met een contract als zelfstandige.
3. Bruto bedragen, exclusief werkgeversbijdragen voor sociale zekerheid betreffende Jean-Pierre Bizet en de andere leden van het executieve management.
4. De opties worden geëvalueerd door het toepassen van de Black-Scholes formule aan waarderingselementen van onafhankelijke derden.
5. Voor de fasering van de variabele remuneratie, zie hiervoor 'Beschrijving van de verschillende bestanddelen van de variabele remuneratie', punt B.
De Raad van bestuur kwijt zich van zijn controletaak op de entiteiten van D'Ieteren door zich ervan te vergewissen (i) dat de organen van deze entiteiten hun eigen controletaak uitvoeren en dat er correct werkende Comités opgericht zijn die de taak hebben bijzonder toezicht en bijzondere controles uit te oefenen (zoals een Auditcomité en een Remuneratiecomité) en (ii) dat de rapporteringprocedures ten uitvoer worden gelegd om de Raad in staat te stellen de activiteiten van de entiteiten met regelmatige tussenpozen op te volgen, meer bepaald wat de risico's betreft waarmee ze geconfronteerd worden.
De Raad van bestuur wordt bijgestaan door het Auditcomité bij de uitoefening van zijn controle op de activiteiten van de vennootschap, meer bepaald met betrekking tot de financiële informatie die wordt verstrekt aan de aandeelhouders en aan derden, en tot het toezicht op de mechanismen voor risicobeheer en interne controle die de vennootschap invoert. Met het oog hierop onderhoudt de Raad van bestuur nauwe banden met de interne en externe auditors van de vennootschap en vergewist de Raad zich ervan dat hun taken gecoördineerd worden.
In deze context werd de effectiviteit van het controlesysteem van D'Ieteren herzien, met inbegrip van de operationele en compliancecontroles, het risicobeheer en de organisatie van de interne controle van de onderneming. Dit systeem heeft tot doel de risico's op de niet-realisatie van de economische doelstellingen eerder te beheren dan te elimineren, en biedt enkel een redelijke en dus geen absolute zekerheid tegen verliezen of afwijkingen van materieel belang.
Deze beoordelingen omvatten een evaluatie van de financiële en operationele interne controles door de interne audit van elke activiteit, alsook van de rapporten van de externe auditor over zaken geïdentificeerd tijdens zijn statutaire auditwerkzaamheden.
Het Auditcomité van D'Ieteren ontvangt regelmatig een rapport over de werkzaamheden van de Auditcomités van elke entiteit en brengt hierover op zijn beurt verslag uit aan de Raad van bestuur.
3.2.1. D'Ieteren zorgt ervoor dat businessrisico's, ongeacht of ze van strategische, operationele, wettelijke, reputatiegebonden, financiële of ecologische aard zijn, in de mate van het mogelijke geïdentificeerd en begrepen worden. D'Ieteren volgt een beleid dat erin bestaat te garanderen dat risico's eerder met kennis van zaken dan ongewild worden genomen.
3.2.2. Elke activiteit voert een jaarlijkse risicocontrole uit en updatet haar risicoregister met voor elk risico een vermelding van de impact en de ondernomen acties om het risico te beperken. Deze benadering vormt de hoeksteen van de risicobeheeractiviteiten van D'Ieteren. Deze activiteiten hebben tot doel te verzekeren dat de grootste risico's waaraan de onderneming is blootgesteld, geïdentificeerd en ingeschat zijn, en dat er controles ingevoerd of gepland zijn om deze risico's te beheren.
Hierna vindt u een overzicht van de belangrijkste risico's waarmee de onderneming geconfronteerd wordt.
3.3.1. Elke activiteit heeft haar eigen interne audit- en risicobeheerfunctie. Die opereert onafhankelijk van haar externe auditors en kan samenwerken met een externe dienstverlener wanneer gespecialiseerde vaardigheden vereist zijn. Een periodieke beoordeling garandeert dat deze functie adequaat is ingevuld, dat de doelstellingen afgestemd zijn op de belangrijkste risico's waaraan de activiteit is blootgesteld en dat het jaarlijkse interne auditplan goedgekeurd is.
3.3.2. Het Auditcomité van elke activiteit bekrachtigt de aanstelling of het ontslag van zijn interne auditmanager, evalueert zijn onafhankelijkheid en objectiviteit, en werkt mee aan het garanderen van vrije toegang tot het management en het Auditcomité.
3.3.3. De interne audit van elke activiteit heeft de volgende taken:
De activiteit van de autodistributie kan getroffen worden door verschillende factoren die verband houden met de auto-industrie en het volume verkochte voertuigen op de Belgische markt. De vraag en de globale mix kunnen beïnvloed worden door factoren zoals de economische conjunctuur, de beschikbaarheid van krediet voor de potentiële kopers of het toegepaste fiscale stelsel op bedrijfswagens en CO2 -emissies. De specifieke vraag naar de verdeelde merken hangt af van het succes van de door de leveranciers (VW, Porsche, Yamaha, enz.) ontwikkelde modellen en hun prijs op de Belgische markt.
Op het vlak van de herstelling en de vervanging van voertuigbeglazing zijn zachte weersomstandigheden, een afname van het aantal afgelegde kilometers (bijvoorbeeld als gevolg van een stijging van de brandstofprijs) of een verlaging van de gemiddelde snelheid op de wegen als gevolg van de wetgeving betreffende de snelheidsbeperking, allemaal factoren die ongunstig zijn omdat ze de neiging hebben de frequentie van glasbreuk te verminderen. Veranderingen op het vlak van het beleid voor de dekking van glasbreuk door de verzekeringsondernemingen, zoals bijvoorbeeld de verhoging van de franchises, kan leiden tot een afname van de vraag of kan de druk op de prijzen verhogen.
De vastgestelde verstoringen op de markt van de recente tweedehandsvoertuigen die voortvloeien uit de economische conjunctuur of uit een grote prijsconcurrentie op de markt van de nieuwe voertuigen, kunnen een invloed hebben op de restwaarden van de voertuigen die door D'Ieteren Auto worden teruggekocht van ondernemingen gespecialiseerd in kortetermijnverhuur.
Elke entiteit garandeert de opvolging van deze veranderingen en integreert ze in een planningproces dat de strategische planning, de financiële langetermijnplanning, de budgetten en de maandelijkse rapportering omvat. Dit proces biedt de mogelijkheid om goed te anticiperen op deze tendensen of om snel te reageren op plotse gebeurtenissen. Daarnaast reikt dit proces de directie een basis aan om de juiste beslissingen te nemen over het voorgestelde product- en dienstengamma, de prijzen en de omvang van de organisatie.
Daar waar de activiteiten van nature blootgesteld zijn aan plotse schommelingen van de vraag, werden de structuren aangepast om een maximale flexibiliteit te bieden.
D'Ieteren Auto importeert en verdeelt nieuwe wagens en wisselstukken van de merken van de groep Volkswagen. De relatie met Volkswagen werd in de loop van de voorbije 60 jaar opgebouwd en is gebaseerd op distributieovereenkomsten van onbepaalde duur die werden gesloten met elk van de merken. Elke afwijking van de contractuele voorwaarden of van de relaties met de groep Volkswagen of elke significante wijziging van het beleid van de groep Volkswagen ten aanzien van de onafhankelijke importeurs, zou een ongunstig effect kunnen hebben op de financiële situatie en de resultaten van de activiteit.
De beste verdediging tegen dit type van risico schuilt in de capaciteit van de Vennootschap om aan de groep Volkswagen zijn toegevoegde waarde te bewijzen op het vlak van het beheer van het Belgische netwerk van distributeurs. De vennootschap leeft het commerciële, marketing- en servicebeleid van de groep Volkswagen strikt na.
De activiteiten met betrekking tot de herstelling en de vervanging van voertuigbeglazing hangen in sterke mate af van de bevoorrading met glas, polyurethaan en reparatiehars. Om te voorkomen dat het verlies van een cruciale leverancier van één van deze materialen de werking van de activiteit aanzienlijk verstoort, hebben de aankoopteams een globale strategie uitgewerkt die tot doel heeft de leveranciers te diversifiëren en de volumes actief toe te wijzen.
Binnen de twee entiteiten van D'Ieteren is een aanzienlijk deel van de activiteit afkomstig van klanten zoals ondernemingen, leasingmaatschappijen of verzekeringsmaatschappijen. Het verlies van één of meer van deze klanten kan een ongunstig effect hebben op de financiële situatie en de resultaten van D'Ieteren.
Elke entiteit neemt tal van maatregelen om een uitstekende relatie te onderhouden met belangrijke klanten. Elk van deze klanten heeft een specifieke beheerder die een plan opstelt met duidelijke doelstellingen met betrekking tot de manier waarop de relatie moet worden ontwikkeld. De entiteiten waken er eveneens over dat hun klantenportefeuille voldoende evenwichtig blijft.
De door D'Ieteren Auto verdeelde voertuigen of wisselstukken kunnen lijden aan een ernstige tekortkoming. In dit geval staat de groep Volkswagen in voor de technische interventie en de public relations.
Aangezien de voorruit een essentieel element is voor de veiligheid van een voertuig, kan op het vlak van de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing elke montagefout afbreuk doen aan de veiligheid van het voertuig en resulteren in juridische of financiële problemen, en zo de reputatie van de onderneming beschadigen.
Om dit risico te beperken, definieert Belron duidelijke montagenormen die binnen de hele onderneming worden toegepast en waarvan de naleving regelmatig gecontroleerd wordt door technische teams in elke eenheid. Bovendien wordt het belang van de strikte montagenormen binnen de onderneming nog versterkt door evenementen zoals de "Best of Belron", een internationale wedstrijd die tot doel heeft de beste technicus van de groep te verkiezen op basis van de naleving van de normen en de uitvoeringskwaliteit.
De voortzetting van de activiteiten kan in het gedrang komen door het verlies van personeel in sleutelfuncties, om fysieke redenen of als gevolg van hun beslissing om de onderneming te verlaten.
De Vennootschap bindt haar personeel door naast een aantrekkelijk loon dat regelmatig wordt vergeleken met de marktpraktijken ook goede carrièreperspectieven en een regelmatige prestatiebeoordeling aan te bieden, en door tevredenheidenquêtes te voeren onder de werknemers. Het plan voor de opvolging van sleutelpersoneel wordt regelmatig herzien door de directie van elke entiteit.
De activiteiten van D'Ieteren hangen in sterke mate af van cruciale hulpmiddelen zoals de informaticasystemen, de call centers en de distributiecentra. Een grote ramp die een impact heeft op deze hulpmiddelen kan een entiteit verhinderen om essentiële producten te leveren of essentiële diensten te verlenen, zowel op lokaal als op globaal vlak. Als er geen passende maatregelen worden genomen om deze risico's te voorkomen, zouden de kosten die voortvloeien uit een ramp aanzienlijk kunnen zijn.
De directie onderzoekt regelmatig de potentiële oorzaken van verlies en neemt beschermingsmaatregelen. Bovendien worden plannen uitgewerkt om de continuïteit van de activiteit te verzekeren mocht er zich een ramp voordoen. Wat meer bepaald de informaticasystemen betreft, zorgen kopieën van de essentiële gegevens en systemen ervoor dat de impact van een eventueel groot defect beperkt wordt. De overblijvende risico's kunnen gedekt worden door passende verzekeringspolissen.
Een niet te verwaarlozen verhouding van de activiteiten van D'Ieteren wordt gefinancierd met leningen, waarvan de beschikbaarheid afhangt van de toegang tot de kredietmarkten. De niet-beschikbaarheid van fondsen of de niet-naleving van bepaalde financiële ratio's kunnen ertoe leiden dat de onderneming niet meer kan functioneren, volledig of gedeeltelijk, of kunnen resulteren in een aanzienlijke stijging van de financieringskosten.
Elke entiteit zorgt voor een op lange termijn gewaarborgde financieringsbasis met een goede spreiding van de vervaldagen.
Deze basisfinanciering wordt aangevuld met kortetermijnkredietlijnen en niet-geconfirmeerde kredietlijnen bestemd om de seizoensgebonden behoeften te dekken. De – zowel publieke als private – leningen worden aangegaan bij een brede waaier van kredietverschaffers. Elke entiteit onderhoudt een regelmatige dialoog met haar kredietverleners en informeert hen over de algemene situatie van het bedrijf.
Na de verkoop van Avis Europe en de inbreng van D'Ieteren Lease in de door Volkswagen Financial Services geheel gefinancierde gezamenlijke dochteronderneming, werd het liquiditeitsrisico aanzienlijk verminderd.
De internationale aanwezigheid stelt D'Ieteren bloot aan wisselkoers- en renterisico's. Het merendeel van de transacties van de activiteiten van de onderneming wordt verricht in euro, pond sterling of Amerikaanse dollar. In elk land waar D'Ieteren een dochteronderneming heeft, worden de gegenereerde inkomsten en de gemaakte kosten in de meeste gevallen uitgedrukt in de lokale munteenheid. Dit is een natuurlijke indekking tegen de wisselkoersrisico's. Wat de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing betreft, bestaat het beleid erin de waarde van de investeringen uitgedrukt in vreemde valuta zo veel mogelijk in te dekken met een equivalent schuldbedrag uitgedrukt in dezelfde valuta, om hun waarde in euro te beschermen.
Het renterisico vloeit voort uit de leningen die, na indekking van het wisselkoersrisico, voornamelijk uitgedrukt zijn in euro, pond sterling en Amerikaanse dollar. De leningen met variabele rentevoet stellen de onderneming bloot aan een renterisico op de thesauriestromen, terwijl de leningen met vaste rentevoet de onderneming blootstellen aan een renterisico op de reële waarde.
Om deze risico's te beheren, wordt D'Ieteren gefinancierd door een combinatie van kredieten met vaste en variabele rentevoeten, eventueel gecombineerd met afdekkingen op basis van derivaten. Naarmate de bestaande schulden hun vervaldatum naderen, stelt D'Ieteren zich bloot aan een risico op hogere marges op zijn leningen.
In de regio's waar de activiteiten van D'Ieteren een significante marktaandeel bereiken en/of onderworpen zijn aan verticale akkoorden die deel uitmaken van een groepsvrijstellingsverordening, houdt het belangrijkste juridische risico verband met het mededingingsrecht. Elke inbreuk op het mededingingsrecht kan resulteren in zware boetes. Bovendien werd de wetgeving betreffende de gegevensbescherming recentelijk verscherpt, met ook hiervoor aanzienlijke boetes in geval van inbreuk.
Om deze risico's te beperken, werden duidelijke beleidslijnen en een juridische follow-up ingevoerd en algemeen verspreid. De toepassing ervan wordt regelmatig onderworpen aan een audit.
De reputatie of de activa van D'Ieteren kunnen getroffen worden als werknemers, klanten, leveranciers of agenten in hun eigenbelang frauduleuze of onethische daden stellen die nadelig zijn voor D'Ieteren, of als D'Ieteren beschouwd wordt hoofdelijk aansprakelijk te zijn voor dergelijke daden gesteld door derden.
De onderneming heeft een reeks maatregelen ingevoerd die tot doel hebben deze risico's zo veel mogelijk te voorkomen, zoals beleidslijnen en procedures, ethische regels en een gedragscode die van toepassing is op alle personeelsleden, een gepaste opleiding voor het personeel, een delegering van bevoegdheden met scheiding van functies, een passende rapportering aan het management, een interne audit en financiële controles.
| Per 31 december 2013 | Aantal Overeenkomend stemrecht | |
|---|---|---|
| Gewone aandelen | 55.302.620 | 55.302.620 |
| Winstaandelen | 5.000.000 | 5.000.000 |
| Totaal | 60.302.620 |
| Op 31 december 2013 | In aandeel van het kapitaal | In stemrechten | |
|---|---|---|---|
| Familiale aandeelhouders | 57,10% | 60,66% | |
| waarvan Groep Nayarit | 31,99% | 35,56% | |
| waarvan Groep SPDG | 25,11% | 25,10% | |
| Eigen aandelen | 1,57% | 1,44% | |
| Publiek | 41,33% | 37,90% | |
| waarvan MFS Investment Management |
5,49% | 5,04% |
In overeenstemming met artikel 14, alinea 4 van de wet van 2 mei 2007 betreffende de bekendmaking van de belangrijke deelnemingen, wordt de structuur van het aandeelhouderschap, zoals die voortvloeit uit de laatste door de Vennootschap ontvangen kennisgeving (op 24 juni 2013), en uit de mededeling van 29 augustus 2013 met betrekking tot het feit dat Cobepa n.v. en de groep Nayarit, enerzijds, en Cobepa n.v. en de groep SPDG, anderzijds, niet meer in gemeenschappelijk overleg handelen, in toelichting 28 van het financiële verslag vermeld (pagina 57).
De Vennootschap heeft geen verdere kennisgeving ontvangen die de in deze toelichting opgenomen informatie wijzigt.
Krachtens artikel 74, § 7 van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen heeft de s.a. D'Ieteren n.v. op 20 februari 2008 een kennisgeving ontvangen van de groep Nayarit (waarvan de samenstelling in toelichting 28 van de geconsolideerde jaarrekening gevonden kan worden – pagina 57). Die bevat alle vereiste wettelijke vermeldingen en wijst op het feit dat de groep Nayarit, individueel of samen met andere personen met wie hij samenwerkt, op 30 september 2007 meer dan 30 % van de door de Vennootschap uitgegeven aandelen met stemrecht bezat. Deze kennisgeving blijft relevant op de datum van dit verslag.
De Buitengewone Algemene Vergadering van 5 juni 2014 zal uitgenodigd worden de machtiging aan de Raad van bestuur te hernieuwen om:
Onverminderd de bevoegdheden verleend aan de Raad van bestuur overeenkomstig de alinea die voorafgaat, zal de Buitengewone Algemene Vergadering van 5 juni 2014 uitgenodigd worden om de Raad van bestuur de bevoegdheid te verlenen om,
De Buitengewone Algemene Vergadering van 5 juni 2014 zal ten slotte uitgenodigd worden om de hernieuwing goed te keuren van de bevoegdheid van de Raad van bestuur om overeenkomstig de wettelijke bepalingen eigen aandelen aan te kopen voor een periode van 5 jaar, onder meer met het oog op de dekking van de aandelenoptieplannen voor de kaderleden van de Vennootschap.
De toepasbare regels voor de benoeming en de vervanging van de bestuurders, alsook voor de wijziging van de statuten van de Vennootschap, zijn deze voorzien in het Wetboek van Vennootschappen.
De clausules betreffende een verandering van de controle die in kredietovereenkomsten met financiële instellingen en in het prospectus van de uitgifte van obligaties van 23 december 2009 opgenomen zijn, werden goedgekeurd door de Algemene Vergadering van aandeelhouders van 27 mei 2010, in overeenstemming met artikel 556 van het Wetboek van Vennootschappen.
Boekjaar van 1 januari tot 31 december
| Quotiteit | 1 aandeel |
|---|---|
| ISIN-code | BE0974259880 |
| Reuters-code | IETB.BR |
| Bloomberg-code | DIE.BB |
Sinds 19 maart 2012 maakt het aandeel D'Ieteren deel uit van de BEL20 indice met een gewicht van 0,85 % op 31 december 2013. Het aandeel D'Ieteren maakt ook deel uit van de indices Next 150 en Belgian All Shares (BAS) van Euronext met respectievelijke gewichten van 1,11 % en 0,41 % op dezelfde datum. Ten slotte maakt het deel uit van sectorale indices gepubliceerd door Dow Jones, Eurostoxx en Bloomberg.
| 2013 | ||
|---|---|---|
| Rendement | 18,9 % | |
| Totaal return voor de aandeelhouders |
20,9 % | |
| Gemiddelde koers (in EUR) | 34,39 | |
| Hoogste koers (in EUR) | 37,36 | 21/08/2013 |
| Laagste koers (in EUR) | 29,21 | 03/01/2013 |
| Gemiddelde volume (in eenheden) |
45.823 | |
| Maximumvolume (in eenheden) | 310.494 | 17/05/2013 |
| Minimumvolume (in eenheden) | 7.038 | 07/10/2013 |
| EUR | |||
|---|---|---|---|
| 2004-2013 (10 jaar) | 50 | ||
| Rendement | 122,6 % | 40 | |
| Totaal return voor de aandeelhouders (op jaarbasis) |
10,9 % | ||
| 30 | |||
| Gemiddelde koers (in EUR) | 27,39 | ||
| Hoogste koers (in EUR) | 49,85 | 14/06/2011 | 20 |
| Laagste koers (in EUR) | 7,22 | 29/12/2008 | |
| Gemiddelde volume (in eenheden) |
64.167 | 10 | |
| Maximumvolume (in eenheden) | 827.460 | 06/02/2004 | |
| Minimumvolume (in eenheden) | 1.930 | 28/05/2007 | 01/04 01/05 01/06 01/07 01/08 01/09 01/10 01/11 01/12 01/13 |
Gedetailleerde en historische informatie over de koers en de verhandelde volumes is beschikbaar op de website van D'Ieteren (www.dieteren.com).
Als de toewijzing van het resultaat die wordt voorgesteld in toelichting 28 van dit verslag wordt goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van 5 juni 2014, zal voor het boekjaar 2013 een brutodividend van 0,800 EUR per aandeel worden uitgekeerd.
De uitbetaling van het dividend zal gebeuren vanaf 13 juni 2014.
| § | GRI-Inhoud | Verwijzing/Commentaar |
|---|---|---|
| 1.1 | Verklaring van de CEO | Zie pagina 4 van het Activiteitenverslag 2013 |
| ORGANISATIEPROFIEL | ||
| 2.1 | Naam | s.a. D'Ieteren n.v. |
| 2.2 | Merken, producten en diensten | • De distributie in België van de voertuigen van de merken Volkswagen, Audi, Seat, Skoda, Bentley, Lamborghini, Bugatti, Porsche en Yamaha; • De herstelling en vervanging van voertuigbeglazing via meer dan tien voornaamste merken waaronder Carglass®, Autoglass® en Safelite® AutoGlass; • Meer informatie op onze corporate website www.dieteren.com. |
| 2.3 | Operationele structuur | Zie pagina 1 van het Activiteitenverslag |
| 2.4 | Ligging van het hoofdkantoor | Maliestraat, 50 - 1050 Brussel, België |
| 2.5 | Aantal landen | 35 landen op 5 continenten (zie cf. kaart op pagina 1 van het Activiteitenverslag) |
| 2.6 | Eigendomstructuur en rechtsvorm | Bedrijf opgericht en gevestigd in België en waarvan de controlerende aandeelhouders aangegeven zijn in Toelichting 28 van de Geconsolideerde jaarrekening 2013 (zie pagina 57). |
| 2.7 | Afzetmarkten | Zie kaart op pagina 1 van het Activiteitenverslag |
| 2.8 | Omvang van het bedrijf | Zie de Geconsolideerde jaarrekening 2013 |
| 2.9 | Signifi cante veranderingen wat betreft omvang, structuur of eigendom |
Zie Toelichting 2 (Belangrijke transacties) van de Geconsolideerde jaarrekening 2013 (zie pagina 13). |
STRATEGIE EN ANALYSE
| 3.1 | Verslagperiode | Van 1 januari 2013 tot 31 december 2013 | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 3.2 | Datum van het meest recente verslag | December 2012. Het is het vierde jaar dat D'Ieteren een verslag publiceert volgens de GRI-richtlijnen. |
|||
| 3.3 | Verslaggevingcyclus | Jaarlijks | |||
| 3.4 | Contactpunten voor alle vragen | Financiële indicatoren: Vincent Joye, [email protected], tel: +32.2 536 54 39 Milieu- en sociale indicatoren: Catherine Vandepopeliere, [email protected], tel: +32 2 536 91 91 |
|||
| 3.5 | Proces voor het bepalen van de inhoud van het verslag |
Het belang van kwesties betreffende maatschappelijk verantwoord ondernemen die direct verband houden met de twee kernactiviteiten van de groep, was het belangrijkste selectiecriterium; De selectie van de inhoud en van de indicatoren werd beoordeeld en goedgekeurd door een team dat D'Ieteren vertegenwoordigd. |
|||
| 3.6 | Afbakening van het verslag | Belron is actief in 35 landen. In 2013 is D'Ieteren Auto actief op 13 locaties – kantoren en garages – in België: Audi Center Zaventem, Seat Woluwe, Bentley, D'Ieteren Centre, D'Ieteren Drogenbos, het nationale distributiecentrum in Erps-Kwerps, D'Ieteren Expo, D'Ieteren Mail, D'Ieteren Meiser, D'Ieteren Anderlecht, D'Ieteren Fort Jaco, D'Ieteren Stokkel en D'Ieteren Vilvoorde. |
|||
| 3.7 | Beperkingen voor de reikwijdte van het verslag |
De activiteiten van de zelfstandige concessiehouders die met D'Ieteren Auto werken worden niet beschouwd in dit verslag. |
|||
| 3.8 | Basis voor verslaggeving | Identiek aan de Geconsolideerde jaarrekening 2013 | |||
| 3.10 | Gevolgen van eventuele herformuleringen van eerder verstrekte informatie |
Geen herformuleringen van eerder verstrekte informatie | |||
| 3.11 | Signifi cante veranderingen ten aanzien van reikwijdte, afbakening of meetmethoden die voor het verslag zijn toegepast |
Geen veranderingen ten opzichte van vorige verslagen | |||
| 3.12 | Index van de GRI-inhoud | Zie onderstaande tabel | |||
| § | GRI-Inhoud | Verwijzing/Commentaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 4.1 | Bestuurstructuur | De Vennootschap voegt zich naar de Belgische Corporate | ||||
| 4.2 | Geef aan of de Voorzitter van de Raad van bestuur ook een leidinggevende functie heeft |
Governance Code 2009, die beschikbaar is op de website www.corporategovernancecommittee.be. Bij de toepassing van de |
||||
| 4.3 Aantal onafhankelijke en/of niet-leidinggevende leden van de Raad van bestuur |
principes van de Belgische Code wordt echter rekening gehouden met de bijzondere structuur van het aandeelhouderschap van de Vennootschap, waarvan de familiale aandeelhouders de meerderheid hebben en de stabiliteit verzekeren sinds 1805. |
|||||
| De Raad van bestuur is samengesteld uit: • zes niet-uitvoerende bestuurders, benoemd op voorstel van de familiale aandeelhouders; • zes niet-uitvoerende bestuurders, waaronder twee onafhankelijke, gekozen omwille van hun ervaring1 ; |
||||||
| • de gedelegeerd bestuurder (CEO). Informatie betreffende de Corporate Governance Charter van D'Ieteren kan geraadpleegd worden op: www.dieteren.com/nl/publicaties/wettelijke publicaties/corporate-governance-charter |
||||||
| Contactpunten: Financiële indicatoren: Vincent Joye, [email protected] Milieu- en sociale indicatoren: Catherine Vandepopeliere, [email protected] |
||||||
| 4.4 | Mechanismen die aandeelhouders en medewerkers de gele genheid geven om aanbevelingen te doen aan of medezeg genschap uit te oefenen op de Raad van bestuur |
De eerste gesprekken met externe stakeholders zijn van start gegaan in 2012. Ze worden betrokken op basis van hun interesse voor, hun impact op |
||||
| 4.14 | Lijst van groepen belanghebbenden die de organisatie heeft betrokken |
en hun kennis van de belangrijkste uitdagingen van de twee kernactiviteiten van D'Ieteren. Besproken onderwerpen zijn bijvoorbeeld groene mobiliteit, |
||||
| 4.15 | Basis voor inventarisatie en selectie van belanghebbenden die betrokken moeten worden |
de beroepsopleiding in de autosector, verantwoord aankopen en verkopen. | ||||
1 Een derde onafhankelijke bestuurder, de Heer Pierre-Olivier Beckers (vaste vertegenwoordiger van Pierre-Olivier Beckers sprl), werd tijdelijk benoemd door de Raad van bestuur van 16 januari 2014 om het mandaat van de heer Christian Varin, die aftredend was, te voltooien. De Gewone Algemene Vergadering van 5 juni 2014 zal worden uitgenodigd deze tijdelijke aanstelling goed te keuren en het mandaat te vernieuwen.
| D'Ieteren Auto | Belron | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eenheden | 2011 | 2012 | 2013 | 2011 | 2012 | 2013 | ||||
| ECONOMISCHE PRESTATIE | ||||||||||
| mische waarde | Rechtstreekse gegenereerde en verdeelde econo | EC1 | miljoen EUR | 3.208,3 | 2.787,3 | 2.627,4 | 2.769,0 | 2.727,0 | 2.843,1 | |
| Signifi cante fi nanciële steun van overheden | EC4 | Niet materieel: D'Ieteren Auto en Belron hebben nooit steun van overheden gekregen | ||||||||
| MILIEUPRESTATIE | ||||||||||
| Energieverbruik | ||||||||||
| Rechtstreeks | Stookolie | EN3 | MWh/jaar | 970 | 1.065 | 979 | 4.614 | 4.788 | 4.386 | |
| Aardgas | MWh/jaar | 25.031 | 27.232 | 28.421 | 113.531 | 88.189 | 102.184 | |||
| Andere (houtskool, biobrand stof, ethanol, waterstof) |
MWh/jaar | - | - | - | - | - | - | |||
| Brandstofverbruik van eigen voertuigen |
liters | 1.752.899 | 1.707.188 | 1.658.883 | 46.948.603 | 54.247.388 | 56.625.446 | |||
| Onrechtstreeks | Elektriciteitsverbruik | EN4 | MWh/jaar | 11.304 | 11.866 | 11.430 | 143.078 | 107.855 | 107.805 | |
| Broeikasgasemissies | ||||||||||
| Rechtstreeks | Stookolie | EN16 | tCO2 e/jaar |
262 | 288 | 264 | 1.085 | 1.104 | 1.007 | |
| Aardgas | tCO2 e/jaar |
4.695 | 5.193 | 5.113 | 22.066 | 17.130 | 19.897 | |||
| Gassen voor koelingssystemen |
tCO2 e/jaar |
233 | 256 | 261 | 3.916 | 2.031 | 1.793 | |||
| Eigen voertuigen | tCO2 e/jaar |
4.965 | 4.725 | 4.747 | 113.421 | 126.254 | 132.775 | |||
| Zelf beheerd logistiek | tCO2 e/jaar |
NA | NA | NA | 30.029 | 15.431 | 26.489 | |||
| Vorkheftrucks | tCO2 e/jaar |
NA | NA | NA | 1.508 | 171 | 125 | |||
| Onrechtstreeks | Elektriciteitsverbruik | EN17 | tCO2 e/jaar |
1.878 | 1.903 | 1.895 | 53.256 | 42.300 | 40.375 | |
| Initiatieven om het energieverbruik en het milieu-impact te verminderen | ||||||||||
| dankzij besparin gen en effi ciëntie maatregelen |
verbruik te verminderen en de energie-effi ciëntie te verbeteren Initiatieven om energie effi ciënte producten en diensten aan te bieden |
EN6 | Zie CSR-hoofdstuk in het | Activiteitenverslag / Meer informatie op | Zie CSR-hoofdstuk in het | |||||
| EMS/ISO 14001 | Activiteitenverslag / Meer informatie | www.belron.com (CSR-gedeelte: Our | ||||||||
| Initiatieven om het onrechtstreeks energieverbruik terug te dringen |
EN7 | over D'Ieteren Auto hieronder | way of managing our impact) | |||||||
| te verminderen | Initiatieven om de uitstoot van broeikasgassen | EN18 | ||||||||
| Initiatieven om het milieu-impact van de producten en diensten te verminderen |
EN 26 | |||||||||
| Afval | ||||||||||
| Recycling | EN22 | ton/jaar | 1.061 | 1.012 | 1.141 | 69.488 | 60.771 | 99.498 | ||
| Verbrandingsovens | ton/jaar | 484 | 426 | 363 | 4.231 | 2.743 | 1.526 | |||
| Storten | ton/jaar | - | - | 0,44 | 89.965 | 73.570 | 41.704 | |||
| Gevaarlijk afval | ton/jaar | 282 | 313 | 300 | 314 | 223 | 430 | |||
| Vervoer Gevolgen op het milieu van het vervoer van |
Zakenreizen (lucht, weg, spoorweg) |
EN29 | tCO2 e/jaar |
571 | 584 | 438 | 23.865 | 19.613 | 23.431 | |
| producten | CO2 -uitstoot van de logistiek: eigen voertuigen |
tCO2 e/jaar |
- | - | - | 30.029 | 15.431 | 26.489 | ||
| Uitbestede logistiek | tCO2 e/jaar |
4.586 | 4.369 | 4.448 | 22.676 | 21.110 | 20.909 | |||
| ETHIEK OP HET WERK | ||||||||||
| Totale perso neelsbestand per werktype, arbeidsovereen kosmt en regio |
Totale personeelsbestand | LA1 | gemiddeld voltijdse equivalent |
1.633 | 1.673 | 1.601 | 25.199 | 24.200 | 25.645 | |
| % medewerkers die deeltijds werken |
% | 3,6 | 3,4 | 3,4 | NA | NA | NA | |||
| permanente opleiding | Programma's voor competentiemanagement en | LA11 | Zie CSR-hoofdstuk in het | Activiteitenverslag | Activiteitenverslag / Meer informatie op www.belron.com (CSR-gedeelte: Our |
Zie CSR-hoofdstuk in het |
people) Aaanvullende informatie: D'Ieteren Auto heeft een eigen systeem ontwikkeld voor de controle van zijn milieuprestaties. Jaarlijkse audits worden uitgevoerd op de locaties die het bedrijf zelf beheert. Over het energie- en waterverbruik alsook het afvalniveau wordt twee keer per jaar verslag uitgebracht. Totale broeikasgasemissies omvatten de emissies van de logistiek van onderdelen sinds 2011. Belron -De uitstoot van broeikasgassen wordt twee keer per jaar gerapporteerd. Het wordt gecontroleerd door een centrale team die deel uitmaakt van het Belron Environmental Reporting System (BERS), waardoor een nauwkeurige controle van de emissies mogelijk is. Afval: Het recyclagepercentage van glas steeg van 64 % in 2012 tot 84 % in 2013. Het recyclagepercentage
van het andere afval steeg van 19 % in 2012 tot 56 % in 2013.
| Tussentijdse managementverklaring (nabeurs) | 15 mei 2014 |
|---|---|
| Algemene vergadering van de aandeelhouders | 5 juni 2014 |
| Notering ex coupon (ex date) | 10 juni 2014 |
| Uitkering van het dividend (payment date) | 13 juni 2014 |
| Resultaten voor het eerste halfjaar 2014 (nabeurs) | 28 augustus 2014 |
| Analistenvergadering & persconferentie HY 2014 | 29 augustus 2014 |
| Tussentijdse managementverklaring (nabeurs) | 13 november 2014 |
Vincent Joye
s.a. D'Ieteren n.v. Maliestraat, 50 B-1050 Brussel België Tel.: + 32 2 536 54 39 Fax: + 32 2 536 91 39
E-mail: [email protected] Website: www.dieteren.com Website van het jaarverslag 2013: 2013.dieteren.com
BTW BE 0403.448.140 - RPR Brussel
Informatie over de groep (persmededelingen, jaarverslagen, financiële kalender, koers van het aandeel, statistieken, sociale documenten…) is gratis beschikbaar op de website www.dieteren.com meestal in drie talen (Frans, Nederlands, Engels), of op aanvraag.
Ce rapport est également disponible en français. This Report is also available in English.
De belangrijkste merken van de groep Belron®: Belron®, the Belron® Device, Autoglass®, Carglass®, Glass Medic®, Lebeau Vitres d'autos®, Speedy Glass®, Safelite® AutoGlass, O'Brien® en Smith&Smith® zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Belron S.A. en zijn dochtermaatschappijen.
Dit jaarverslag bevat vooruitzichten die risico's en onzekerheden inhouden, onder meer verklaringen over plannen, doelstellingen, verwachtingen en voornemens van D'Ieteren. Lezers worden erop gewezen dat dergelijke vooruitzichten gekende en onbekende risico's inhouden en onderworpen zijn aan belangrijke bedrijfs-, economische en concurrentiële onzekerheden, die D'Ieteren voor een groot stuk niet onder controle heeft. Indien één of meer van deze risico's of onzekerheden zich zouden voordoen of indien gehanteerde grondhypothesen onjuist blijken, kunnen de uiteindelijke resultaten ernstig afwijken van de vooropgestelde, verwachte, geraamde of geëxtrapoleerde resultaten. Dientengevolge neemt D'Ieteren geen enkele verantwoordelijkheid op zich voor de exactheid van deze vooruitzichten.
www.dieteren.com/nl 2013.dieteren.com/nl
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.