Annual Report (ESEF) • Apr 25, 2025
Preview not available for this file type.
Download Source FileBelysse Group NV Inhoudstafel 01 STRATEGISCH VERSLAG 3 02 DUURZAAMHEIDSVERSLAG 18 Bericht van de CEO 4 Algemene informatie 19 Financieel overzicht 5 Milieu-informatie 50 BEYOND 7 Sociale informatie 91 Bedrijfsmodel Belysse Group 9 Governance informatie 106 De groep in een oogopslag 10 Commissarisverslag 111 Segmenten 11 Merken 12 Belysse Group in cijfers 14 Belysse Group wereldwijd 15 Hoogtepunten 2024 16 03 CORPORATE GOVERNANCE 117 Corporate Governance 118 Renumeratiebeleid 145 Samenvatting van de belangrijkste risico's 151 04 JAARREKENING 154 Jaarrekening 149 Commissarisverslag 211 Glossarium 219 Investeerdersrelaties 220 01 Strategisch verslag 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 4 James Neuling, CEO Bericht van de CEO James Neuling, CEO van Belysse Group, lichtte toe: Ondanks de aanhoudende beperkte marktvraag, verbeterden de Groep marges en EBITDA in belangrijke mate, met dank aan beide regio’s. Ik wens het team te bedanken voor hun voortdurende inspanningen op vlak van commerciële uitmuntendheid, efficiëntie en kosten terwijl we uitkijken naar het herstel van de markten. We hebben ook goede vooruitgang geboekt in ons duurzaamheidsprogramma, waarbij we de CO₂-uitstoot per geproduceerde m² verder hebben verminderd, het aandeel gecertificeerd gerecycled materiaal hebben verhoogd en verder gaan in het hercertificeren van collecties volgens de nieuwste Cradle-to-Cradle-normen. Daarnaast hebben we Science Based Targets initiative (SBTi)-doelen opgesteld die ons naar 2030 leiden. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 5 Financieel overzicht Overzicht per divisie Verenigde Staten De omzet voor het volledige jaar 2024 van € 154,5 miljoen was lichtjes lager dan vorig jaar (-3,9%), als gevolg van lagere volumes in de eerste helft van 2024 en stabiele gemiddelde verkoopprijzen. De Gecorrigeerde EBITDA voor het volledige jaar 2024 steeg met 4,6% tot € 32,0 miljoen, met een Gecorrigeerde EBITDA-marge van 20,7% (19,0% in 2023). Het beperkte negatieve effect van de lagere volumes werd meer dan gecompenseerd door verdere efficiëntieverbeteringen. In de tweede jaarhelft stabiliseerden volumes en omzet, en werd in het vierde kwartaal van 2024 een omzet gerealiseerd van € 37,6 miljoen, vergelijkbaar met 2023. . Europa De omzet voor het volledige jaar 2024 van € 125,9 miljoen daalde met 10,2% ten opzichte van vorig jaar. De marktvraag bleef zwak gedurende het volledige jaar, in bijzonder in de Residential divisie. Ondanks de lagere volumes bleven de gemiddelde verkoopprijzen stabiel ten opzichte van vorig jaar. De Gecorrigeerde EBITDA voor het volledige jaar verbeterde sterk tot € 10,4 miljoen (€ 3,0 miljoen in 2023), met een Gecorrigeerde EBITDA-marge van 8,3% (2,2% in 2023). Dit resultaat is voornamelijk het gevolg van herstelde eenheidsmarges, een productportfolio met hogere marge en besparingsmaatregelen met betrekking tot de vaste kosten die het negatieve volume effect en inflatoire effect op de loonlasten meer dan compenseerden. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 6 Financieel overzicht Overzicht overige financiële posten Niet-recurrente elementen beneden de Gecorrigeerde EBITDA De netto-impact van eenmalige posten op het nettoresultaat van 2024 was positief ten belope van € 0,1 miljoen (€ 0,0 per aandeel), vergeleken met een negatieve impact van € 3,1 miljoen (€ 0,09 per aandeel) in 2023. De baten in de lopende periode zijn voornamelijk gedreven door een actualisering van strategische advieskosten, gedeeltelijk gecompenseerd door eenmalige kosten gerelateerd aan de uitvoering van een vaste kostenreductieprogramma in Europe. Belastingen De Groep rapporteerde een belastinglast voor 2024 van € 2,3 miljoen (€ 3,4 miljoen in 2023) op basis van een totale winst voor belastingen van € 12,9 miljoen (verlies voor belastingen van € 7,7 miljoen in 2023). Dit bedrag is het gevolg van de belastingheffing over de winst van onze US divisie. Netto financiële kosten De netto financieringskosten van € 10,1 miljoen (€ 18,4 miljoen in 2023) vertegenwoordigen in grote mate de rentelasten op externe leningen. Deze daling is voornamelijk toe te wijzen aan de herfinanciering en het éénmalige positieve effect van de afwikkeling van de Senior Secured Note die in 2024 zou aflopen. Winst per aandeel Winst per aandeel van € 0,29 in 2024 in vergelijking met een verlies per aandeel van € 0,31 in 2023. Dividend Onze focus blijft liggen op schuldafbouw en het verder investeren in het bedrijf, de Raad van Bestuur zal geen dividend voor het jaar voorstellen. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 7 BEYOND Ter herinnering: ons 4-jarige transformatieplan dat in januari 2022 onder de naam BEYOND van start ging, bestaat uit drie pijlers Meer aandacht voor duurzaamheid door innovatieve producten en productieprocessen Voortdurend streven naar meer efficiëntie door Lean-strategieën Nadruk op wendbaarheid door digitale en operationele verbeteringsinitiatieven Duurzaamheid door innovatie De totale scope 1 en 2 CO₂-uitstoot in onze productielocaties per geproduceerde m² is met 22% verminderd ten opzichte van het referentiejaar 2018. In de loop van 2024 werden verschillende nieuwe initiatieven gelanceerd, zoals technische aanpassingen om het energieverbruik te verminderen, verdere elektrificatie van apparatuur en het vergroten van ons aandeel in de gebruikte hernieuwbare energie. Het gecertificeerde gerecycleerde materiaal in onze commerciële tapijttegels is verder gestegen tot 59% in Europa en tot 41% in de VS. In beide regio's is dit het hoogste aandeel gecertificeerde gerecycleerde inhoud dat we tot nu toe hebben bereikt. We blijven onze Cradle to Cradle-gecertificeerde collecties uitbreiden en zijn bezig met het certificeren van collecties volgens de nieuwste C2C-standaard, versie 4. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 8 BEYOND Efficiëntie Wendbaarheid De Lean-besparingen voor 2024 bedroegen € 1,6 miljoen, gedreven door 45 verbeteringsinitiatieven, tegenover een doelstelling om € 1,7 miljoen te realiseren in dit derde jaar van Beyond. Dit betekent dat het Lean-programma vanaf de start in januari 2022 tot nu € 7,6 miljoen aan besparingen heeft opgeleverd, ten opzichte van de geplande € 6,5 miljoen. Deze besparingen waren te danken aan sterke bijdragen van initiatieven op het gebied van kwaliteit, materiaal, energie- en arbeidsefficiëntie. Voor 2025 verwachten we een incrementele besparing van € 1,5 miljoen te realiseren, als onderdeel van onze besparingsambitie van € 8,0 miljoen tijdens de duur van het programma. We werken voortdurend aan het verder verbeteren van onze leveringsprestaties en het serviceniveau aan onze klanten, terwijl we tegelijkertijd onze end-to-end voorraad beheren: • Ons Fast Track-programma voor snelle verzending bij Bentley, ontworpen voor maximale flexibiliteit en versnelde levering aan de klant, omvat een breed scala van 20 stijlen. Bestellingen tot 1.250 vierkante meter van producten in dit programma zijn binnen 10 werkdagen na bestelling klaar voor verzending. • Ons quick ship programma bij modulyss. In de snelle wereld van design & build is tijd van essentieel belang. Daarom hebben we een "quick ship"-programma gedefinieerd voor producten in 25 collecties, waarbij producten binnen 2 tot 4 weken klaar zijn voor verzending. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 9 Bedrijfsmodel Belysse Group 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 10 De groep in een oogopslag Belysse Group is een toonaangevende producent van textiel vloerbekleding met een jarenlange expertise in zachte vloeren. Belysse creëert, ontwikkelt en produceert duurzame vloeroplossingen voor commerciële en residentiële toepassingen over de hele wereld. Onder de premiummerken ITC, modulyss, arc edition en Bentley. Belysse Group rapporteerde een geconsolideerde omzet van 280,4m, met een focus van 90% op Noord- Amerika en Europa onder de premiummerken Bentley (VS), modulyss, arc edition en ITC (Europa). Belysse heeft ongeveer 1.000 mensen in dienst en heeft drie productievestigingen: 2 in België (Tielt en Zele) en 1 in de Verenigde Staten (Los Angeles). In 2022 werd het merk Balta verkocht aan Victoria PLC, samen met de Rugs, Residential polypropyleen en Non-Woven activiteiten. Sindsdien ligt de focus van de groep vooral op de ontwikkeling van zijn commerciële en premium residentiële activiteiten in Europa en de VS, onder het moedermerk Belysse. De geschiedenis van Belysse start bijna 6 decennia geleden. Zestig jaar vol textielinnovatie en belangrijke mijlpalen. Van productlanceringen tot grote omwentelingen binnen het bedrijf. Belysse Group NV is beursgenoteerd op Euronext Brussels sinds juni 2017. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 11 Segmenten Verenigde Staten Europa 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 12 Merken Kwaliteit voor de meest high-end klanten; sinds 2010 ontwerpt en produceert modulyss zachte vloeroplossingen voor internationale, commerciële projecten. Steeds met een doorgedreven aandacht voor creativiteit, functionaliteit en duurzaamheid. Het resultaat? Vloeren voor elke ruimte en gelegenheid. Inspirerende, comfortabele en duurzame vloeroplossingen? Zoek niet verder! ITC heeft het perfecte product voor elke residentiële toepassing. Getuft kamerbreed tapijt en getufte tapijttegels die van elke ruimte een mooi en comfortabel toevluchtsoord maken. De zachtste manier om te gaan. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 13 Merken Arc Edition transformeert kamers over de hele wereld. Of ze nu zijn ontworpen voor horeca, vrije tijd of kantoor, de kamerbrede tapijtvloeroplossingen van arc edition combineren passie, creativiteit en technische knowhow. Oplossingen op maat die passen bij uw wensen, wat die ook mogen zijn. Bentley Mills Inc. is al meer dan 45 jaar een pionier in tapijtontwerp. In Californië, de thuisbasis, ontwerpt het tapijten en tapijttegels voor de meest stijlvolle, internationale interieurs: tijdloos, luxueus en duurzaam. Bentley Mills Inc. neemt zijn sociale verantwoordelijkheid ernstig en dat loont, want het bedrijf nam al het Cradle-to-Cradle®- en het NSF® 140 certificaat in ontvangst. Bij Bentley Mills produceren we tapijt zonder Red List stoffen, PVC-vrij, PFAS-vrij en zonder antimicrobiële additieven, in een LEED-EB Gold-faciliteit in Californië, die werkt onder de strengste milieuvoorschriften in het land. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 14 Belysse Group in cijfers 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 15 Belysse Group wereldwijd Belysse is actief in Europe en de Verenigde Staten. Ons hoofdkantoor ligt in België (Waregem), net als twee van onze productiesites (Zele en Tielt). De derde ligt in Los Angeles, in de VS. Maar niet alleen onze sites zijn internationaal! Ook onze producten vallen overal ter wereld in de smaak. Daarom blijven we contact houden met de architecten & designers community aan beide kanten van de oceaan. Met showrooms voor modulyss in Londen, Parijs en Gent, en voor Bentley Mills in New York, Boston, Chicago, Atlanta, Washington DC, Los Angeles en San Francisco. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 16 Hoogtepunten 2024 Europa en de VS • Daling van de omzet met 6,8% tot € 280,4 miljoen en een stijging van de EBITDA met 26% tot € 42,4 miljoen. • In navolging van onze belofte in 2023 aan het Science Based Target Initiative (SBTi), hebben we doelen gesteld om onze absolute scope 1- en 2- broeikasgasemissies tegen 2030 met 42% te verminderen ten opzichte van het basisjaar 2023 en onze absolute scope 3-broeikasgasemissies van ingekochte goederen en diensten en upstream transport en distributie binnen hetzelfde tijdsbestek met 25% te verminderen. • In 2024 hebben we een vermindering van 22% bereikt van onze scope 1- en 2- broeikasgasemissies in onze productielocaties per geproduceerde m², vergeleken met 2018. • We hebben de Plus-collectie tapijttegels gelanceerd met een baanbrekende en innovatieve ultralichte achterkant, ecoBack Plus, die een hoogwaardige oplossing biedt die onze impact op het milieu vermindert. Deze bijzonder lichte backing is voor 85% gemaakt van gerecycleerd en hernieuwd en biobased materiaal, wat de CO2- uitstoot tijdens de productie en het transport drastisch verlaagt. Ideaal voor wie op zoek is naar een backing die praktisch én duurzaam is o Kleinere ecologische voetafdruk: de polyolefinenstructuur van ecoBACK PLUS bevat biobased materiaal, wat zorgt voor een lagere CO2-uitstoot en een verlaagd Global Warming Potential (GWP). o Efficiënt transport: het lichtgewicht ontwerp zorgt voor meer tegels per zending, waardoor de uitstoot van CO2 en fijn stof met respectievelijk 18% en 17% wordt verminderd. o Eenvoudige bediening: ecoBACK PLUS is 48% lichter dan onze standaard backing. • In Q4 2024 introduceerden we de Revolt LVT- collectie , naadloos geïntegreerd met onze modulyss tapijttegels. • Voor de horecasector introduceerden we modulyss kamerbreed tapijt, dat in november 2024 werd gelanceerd tijdens de Hotel Interiors Experience HIX in Londen. • Opmerkelijk groot project dat het nieuwe hoofdkantoor van een in Parijs gevestigde high-end luxe retailer voorziet van op maat gemaakte tapijttegels. Het Distribution & Retail segment • We hebben nu onze producttransitie voltooid en zitten stevig in de high-end segmenten voor polyamide en polyester. • Het prijsniveau in deze sector blijft stabiel. Europe • Daling van de omzet met 10,2% tot € 125,9 miljoen en een stijging van de EBITDA met 242% tot € 10,4 miljoen. • Er werden extra besparingen op de vaste kosten doorgevoerd om de negatieve volume-impact en de looninflatie te compenseren. • De energie- en grondstoffenprijzen bleven het hele jaar door relatief stabiel. Het Architects & Designers segment • We hebben onze verkoopstructuur gericht op het beter bedienen van de A&D-gemeenschap, waardoor we onze directe band met klanten kunnen versterken en meer impactvolle en hoogwaardige projecten kunnen binnenhalen. Dit hebben we ondersteund met belangrijke productlanceringen, die modulyss op de kaart zetten als een eersteklas leverancier van vloeroplossingen met meerdere categorieën in de segmenten Workspace, Education, Hospitality en Retail. 01 Strategisch verslag Jaarverslag Belysse 2024 17 Verenigde Staten • Sterke resultaten behaald met een EBITDA-groei op jaarbasis van 4,6% en een EBITDA-marge die positief evolueerde van 19,0% naar 20,7%, voornamelijk gedreven door groei in de marktsegmenten retail, woningen en overheid, getemperd door zwakte in ons belangrijkste kantoorsegment, resulterend in een algemene daling van de omzet op jaarbasis (-3,9%). • Ondanks lagere volumes in het eerste halfjaar 2024 stegen de contributiemarges als gevolg van aanhoudende voordelen van efficiëntieverbetering. • We hebben 2 producten geherlanceerd door over te stappen op Nylon 6. We lanceerden 5 nieuwe collecties en introduceerden onze FixTab lijmloze installatie. Ons Area Rug-programma is nu volledig gelanceerd. Bentley werd erkend met 7 prestigieuze prijzen voor design en product. • Bentley-producten worden nog steeds onder de aandacht gebracht in enkele van de meest prestigieuze projecten in Noord-Amerika, waaronder drie van de vijf grootste warenhuisretailers in de Verenigde Staten. Producten werden met trots tentoongesteld tijdens de Las Vegas Formula One Grand Prix-race in 2024, evenals een extra installatie in het New Orleans Convention Center, een van de grootste congresruimtes in de Verenigde Staten, met een uniek, op maat gemaakt ontwerp dat het bijzondere karakter van de stad weerspiegelt. • Andere opmerkelijke realisaties zijn: een grote sportwinkel in familiebezit met hoofdkantoor in het Midwesten, verschillende high-end autodealers, een Amerikaanse multinationale speelgoedfabrikant, een Amerikaans verf- en coatingbedrijf en een wereldwijd netwerk van accountantskantoren. 02 Duurzaamheidsverslag Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 19 Algemene vereisten BP-1 Algemene basis voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag Consolidatie Het duurzaamheidsverslag is op geconsolideerde basis opgesteld. De gegevens worden geconsolideerd volgens dezelfde principes als de jaarrekening en hebben betrekking op Belysse Group NV en al haar dochterondernemingen. De scope van het geconsolideerde duurzaamheidsverslag is dezelfde als die van de jaarrekening en heeft betrekking op het boekjaar 2024, eindigend op 31 december 2024. Het duurzaamheidsverslag is opgesteld in overeenstemming met de ESRS-normen die zijn aangenomen door de Europese Commissie en in overeenstemming met de EU Taxonomie-verordening. Alle toelichtingen in de secties E, S en G zijn ofwel beoordeeld als materieel volgens onze dubbele materialiteitsanalyse zoals verder beschreven in sectie IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces, of zijn verplicht volgens de ESRS-normen. Bereik en grenzen van de rapportage Het duurzaamheidsverslag heeft betrekking op de eigen activiteiten van Belysse, bestaande uit onze drie productievestigingen: 2 in België (Tielt en Zele) en 1 in de Verenigde Staten (Los Angeles), alsook op de upstream- en downstreamwaardeketen waar relevant voor de verschillende materiële onderwerpen, zoals verder beschreven in sectie IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces. Voor een uitgebreid overzicht van onze waardeketen verwijzen we naar het onderstaande schema. Belysse heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om bepaalde informatie weg te laten die betrekking heeft op intellectuele eigendom, knowhow of resultaten van innovatie. Als grote onderneming met gemiddeld meer dan 750 werknemers is Belysse ook niet vrijgesteld van artikel 19 bis, lid 3, en artikel 29 bis, lid 3, van Richtlijn 2013/34/EU betreffende vereisten voor duurzaamheidsrapportering. Onze auditor PwC heeft een limited assurance (beperkte mate van zekerheid) uitgevoerd op ons duurzaamheidsverslag (zie het assurance-rapport van de auditor vanaf pagina 111). Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 20 BP-2 Specifieke omstandigheden In dit duurzaamheidsverslag wordt de standaard ESRS 1- definitie voor tijdshorizons gebruikt, d.w.z. korte termijn = 1 jaar, middellange termijn = 1 – 5 jaar, lange termijn = meer dan 5 jaar. Indien schattingen van data uit de waardeketen zijn gebruikt of indien er onzekerheden zijn in de uitkomst van de indicatoren die bekendgemaakt worden in het duurzaamheidsverslag, wordt dit samen met deze indicatoren in de relevante sectie vermeld. Bronnen van meetonzekerheid Indicatoren die een schatting van data uit de waardeketen omvatten met behulp van indirecte bronnen, zijn onze Scope 3 broeikasgasemissies van ingekochte goederen en diensten. Waar beschikbaar, is gebruik gemaakt van leveranciers-specifieke informatie, maar voor veel grondstoffen en leveranciers moesten we vertrouwen op generieke, sectorgemiddelde emissiefactoren. De nauwkeurigheid van deze informatie wordt voldoende geacht, aangezien de databases die als bron voor deze generieke emissiefactoren worden gebruikt, ook veel worden gebruikt voor door derden geverifieerde levenscyclusanalyses. We zullen blijven samenwerken met onze waardeketen om toegang te krijgen tot specifieke informatie over CO 2 - emissies als en wanneer deze beschikbaar komt. Er werden ook schattingen gebruikt voor de transportafstanden die onze grondstoffen en verkochte producten aflegden, wat resulteerde in de Scope 3- broeikasgasemissies van upstream transport. De manier waarop deze schattingen benaderd zijn, wordt verder beschreven in sectie E1-6 Bruto scopes 1, 2, 3 en totale broeikasgasemissies. Er is vastgesteld dat onzekerheid in de indicatoren van toepassing is op de volgende datapunten in het duurzaamheidsverslag: • De financiële effecten van materiële risico's en opportuniteiten zoals gerapporteerd in de sectie 'SBM-3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten' zijn schattingen op hoog niveau op basis van het beste oordeel van interne Business en Finance experts. • Zoals hierboven uitgelegd, is een aanzienlijk deel van onze Scope 3 broeikasgasemissies gebaseerd op schattingen. • De onttrekking van regenwater in onze fabriek in Tielt wordt berekend op basis van gemiddelde regenval in plaats van werkelijke metingen. • Waterverbruik en waterafvoer in onze fabriek in Los Angeles worden verondersteld gelijk te zijn aan wateronttrekking, vermits we de waterafvoer of verdamping niet meten - dit overschat ons werkelijke waterverbruik. • Gerecycleerde verpakking voor Bentley Mills: er werden aannames gedaan voor de hoeveelheid gebruikte verpakking per type eindproduct. • Het aantal trainingsuren per persoon voor onze werknemers in Bentley Mills wordt geschat; voor onze werknemers in Europa worden deze uren volledig bijgehouden. Gebruik van infaseringsbepalingen Waar de ESRS dit toestaat, heeft Belysse gebruik gemaakt van infasering voor bepaalde gegevenspunten die vrijwillig zijn voor het verslagjaar, meestal voor toekomstgerichte financiële informatie. Deze worden verder gespecificeerd in het betreffende deel van de duurzaamheidsverklaring. Er worden geen infaseringsbepalingen gebruikt op het niveau van materiële onderwerpen of sub-onderwerpen, in overeenstemming met aanhangsel C van ESRS 1 – alle materiële onderwerpen en sub-onderwerpen worden openbaar gemaakt. Bij het rapporteren van toekomstgerichte informatie in overeenstemming met de ESRS, is Belysse verplicht om de toekomstgerichte informatie op te stellen op basis van gerapporteerde aannames over gebeurtenissen die zich in de toekomst kunnen voordoen en mogelijke toekomstige acties van het bedrijf. De werkelijke uitkomst zal waarschijnlijk verschillen, omdat verwachte gebeurtenissen zich vaak niet voordoen zoals voorzien. Toekomstgerichte informatie heeft betrekking op gebeurtenissen en acties die nog niet hebben plaatsgevonden en mogelijk nooit zullen plaatsvinden. In de duurzaamheidsverklaring is geen enkele vermelding van op handen zijnde ontwikkelingen of kwesties waarover onderhandeld wordt, weggelaten. Presentatie van vergelijkende informatie Aangezien dit het eerste jaar is waarin wordt gerapporteerd op basis van de CSRD/ESRS-normen, worden een aantal bekendmakingen en indicatoren gerapporteerd die voorheen niet in ons duurzaamheidsverslag werden gepresenteerd. Met betrekking tot eerder gerapporteerde bekendmakingen en indicatoren zijn er 2 belangrijke wijzigingen doorgevoerd bij de voorbereiding van duurzaamheidsinformatie in vergelijking met de vorige verslagperiode(s): • De CO 2 -emissiefactor voor elektriciteit in de fabriek van Tielt in de cijfers 2018 - 2023 werd herzien om in lijn te zijn met de markt-gebaseerde emissiefactor die voor 2023-2024 werd gebruikt in het kader van SBTi en CSRD. De impact van deze verandering wordt verder beschreven in sectie E1-4 Doelstellingen. • Wijziging in de definitie met betrekking tot watergebruik: in eerdere jaarverslagen had wateronttrekking enkel betrekking op ondiep grondwater, terwijl waterverbruik alle wateronttrekking uit om het even welke bron omvatte. In het duurzaamheidsverslag van 2024 hebben we de definities afgestemd op de ESRS-normen: wateronttrekking omvat alle bronnen; waterverbruik is gelijk aan het verschil tussen wateronttrekking en waterafvoer. Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 21 Voor indicatoren waarover eerder gerapporteerd werd, wordt vergelijkende informatie gepresenteerd; deze informatie en de daarmee verband houdende rapportage worden op vrijwillige basis gepresenteerd en zijn niet onderworpen aan redelijke of beperkte assurance procedures. Deze informatie en de bijbehorende toelichtingen zijn opgesteld in overeenstemming met de ESRS-normen. Voor bepaalde nieuw geïntroduceerde indicatoren heeft Belysse gebruik gemaakt van de overgangsbepalingen voor het eerste jaar in overeenstemming met ESRS 1. Rapportage uit andere wetgevingen of algemeen aanvaarde standaarden voor duurzaamheidsrapportering Alle datapunten voor broeikasgassen (GHG scope 1-3) worden gerapporteerd op basis van het Greenhouse Gas Protocol. Informatieverschaffing opgenomen door verwijzing Eventuele opgenomen incorporaties door verwijzing, die verwijzen naar andere secties van het duurzaamheidsverslag of andere hoofdstukken van het jaarverslag, worden uitdrukkelijk vermeld in de relevante secties van het duurzaamheidsverslag. Er zijn geen rapporteringsfouten in voorgaande periodes vastgesteld voor eerder gerapporteerde indicatoren. Governance GOV-1 De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen Zoals uiteengezet in het hoofdstuk Strategisch Verslag van het Jaarverslag, is duurzaamheid één van de drie strategische pijlers van Belysse, gedefinieerd als onderdeel van ons 4-jarig transformatie programma BEYOND, dat in januari 2022 van start ging. We verwijzen naar het hoofdstuk Corporate Governance van het Jaarverslag, rubriek 'De Raad van Bestuur en Comités' voor een volledige beschrijving van de verschillende bestuursorganen binnen Belysse Group NV (Raad van Bestuur, Managementcomité, Auditcomité, Remuneratie- en Benoemingscomité en ESG-comité) met uitleg over hun samenstelling, ervaring en werking. ESG-comité In november 2023 heeft de Raad van Bestuur een ESG- comité opgericht. Het Comité wordt voorgezeten door Vanessa Temple, onafhankelijk en niet-uitvoerend bestuurder. Op 31 december 2024 zijn de leden van het ESG-comité: Naam Positie Vanessa Temple Voorzitter van het ESG-comité en Onafhankelijk Bestuurder Cyrille Ragoucy Lid en Voorzitter van de Raad van Bestuur James Neuling Lid en Chief Executive Officer Andy Rogiest Lid en Chief Financial Officer Ruben Pattheeuws Lid en Groepsdirecteur Duurzaam- heid en Strategische Projecten Tine Pieters Lid en Duurzaamheidsmanager In overeenstemming met haar ‘Terms of Reference’ is het doel van het ESG-comité om toezicht te houden op de wettelijke vereisten en ervoor te zorgen dat het bedrijf deze naleeft, om de effecten en de belangrijkste risico's en opportuniteiten te monitoren waarmee het bedrijf wordt geconfronteerd met betrekking tot milieu-, sociale en bestuursfactoren die een impact hebben op de langetermijnprestaties van het bedrijf. Het ESG-comité zal toezicht houden op het gedrag, de prestaties en de rapportering van het bedrijf over dergelijke materiële ESG- aangelegenheden, de Raad van Bestuur informeren en aanbevelingen doen aan de Raad waar beslissing, actie of verbetering nodig is. Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 22 Raad van Bestuur Boekjaar 2024 Aantal uitvoerende leden 0 Aantal niet-uitvoerende leden 9 Percentage leden van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen naar geslacht en andere aspecten van diversiteit Het percentage vrouwen in de Raad van Bestuur is 33%, gelijk aan vorig jaar Genderdiversiteitsratio van het bestuur 3 vrouwen / 6 mannen Percentage onafhankelijke bestuursleden 33%, gelijk aan vorig jaar Naast de oprichting van een speciaal ESG-comité is duurzaamheid ook stevig geïntegreerd in bestaande bestuursstructuren en bedrijfsprocessen. Relevante leden van het Europese en Amerikaanse managementteam zijn verantwoordelijk voor het monitoren, beheren en toezicht houden op de implementatie van beleid, acties en doelstellingen met betrekking tot effectief beheer van specifieke IRO's - zoals verder beschreven in de overeenkomstige beleidsparagrafen van elk belangrijk ESG- onderwerp. Het duurzaamheidsteam ondersteunt de business bij het beheren van IRO's, het ontwikkelen van de duurzaamheidsstrategie en zowel externe als interne ESG-rapportering. De expertise op het gebied van duurzaamheid wordt momenteel geacht voldoende aanwezig te zijn in het ESG-comité, de Raad van Bestuur, de Europese en Amerikaanse managementteams en het duurzaamheidsteam. GOV-2 Informatie verstrekt aan en duurzaamheidskwesties behandeld door bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van Belysse Het ESG-comité evalueert ten minste 3 keer per jaar alle relevante ESG-onderwerpen met betrekking tot materiële impact, risico's en opportuniteiten, inclusief eventuele van toepassing zijnde wijzigingen in ESG-regelgeving, voortgang ten opzichte van de vastgelegde ESG- doelstellingen op het gebied van CO 2 -emissie-intensiteit, waterverbruik, gebruik van gerecycleerde materialen in onze producten, recyclage van productieafval en voortgang van de projecten, initiatieven en acties die onze vooruitgang ten opzichte van deze doelstellingen bepalen. Alle informatie die relevant is voor de Raad van Bestuur, evenals elke beslissing die de goedkeuring van de Raad van Bestuur vereist, wordt door het ESG-comité ten minste 3 keer per jaar voorgelegd aan de Raad van Bestuur of het relevante Comité van de Raad van Bestuur: het Remuneratie- en Benoemingscomité en/of het Auditcomité. GOV-3 Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen Prestaties op het gebied van duurzaamheid zijn tot nu toe niet structureel geïntegreerd in de beloningsregelingen van de Raad van Bestuur of het management. Specifieke leden van het management team hadden wel duurzaamheids- gerelateerde doelstellingen of de oplevering van duurzaamheidsgerelateerde projecten als onderdeel van hun variabele beloningsdoelstellingen voor 2024. Het aandeel van de variabele beloning dat afhankelijk is van duurzaamheidsgerelateerde doelstellingen en/of impact verschilt van persoon tot persoon, afhankelijk van hun rol, hun directe impact op specifieke ESG-onderwerpen en de algemene samenstelling van hun variabele beloningsplan. De voorwaarden van deze incentiveprogramma's worden aanbevolen door het Remuneratie- en Benoemingscomité en goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 23 GOV-4 Due diligence Kernelementen van due diligence Paragrafen in het duurzaamheidsverslag a) Verankering van due diligence in beheer, strategie en bedrijfsmodel Belysse heeft due diligence geïntegreerd in zijn corporate governance-structuur en ervoor gezorgd dat duurzaamheidsoverwegingen worden verankerd in besluitvormingsprocessen op het niveau van de Raad van Bestuur. De strategie van het bedrijf omvat specifieke doelstellingen met betrekking tot het verminderen van de impact op het milieu, zowel binnen de eigen activiteiten als in de upstream- en downstream-waardeketen. Lees meer: • Corporate governance charter • SBM-1 Strategie, businessmodellen en waardeketen b) Betrekken van de betrokken stakeholders bij alle belangrijke stappen van de due diligence Het bedrijf onderhoudt regelmatig contact met belangrijke stakeholders, waaronder klanten, werknemers, leveranciers en sectorverenigingen, door middel van consultatie- en feedbackmechanismen. Deze contacten worden gebruikt om potentiële risico's en opportuniteiten te identificeren en ervoor te zorgen dat de bezorgdheden van stakeholders worden behandeld in de duurzaamheidsinspanningen van het bedrijf. Lees meer: SBM-2 Belangen en standpunten van stakeholders c) Negatieve impact identificeren en beoordelen Belysse voert jaarlijkse risicobeoordelingen uit om mogelijke negatieve impact met betrekking tot milieuvervuiling, arbeidsrechten en mensenrechten binnen haar activiteiten en waardeketen te identificeren en te evalueren. Dit proces omvat het gebruik van zowel interne als externe onderzoeken. Lees meer: • IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces • ESRS 2 SBM-3 – Materiële impact, risico's en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel • ESRS 2 IRO-1 — Beschrijving van de processen voor het identificeren en beoordelen van materiële klimaat gerelateerde impact, risico's en opportuniteiten d) Maatregelen nemen om die negatieve effecten aan te pakken Belysse implementeert voortdurend actieplannen om gebieden aan te pakken die als risicovol zijn beoordeeld. Dit omvat het verminderen van ons energie- en waterverbruik, de transitie naar schonere technologieën, het verhogen van het gebruik van gerecycleerde materialen en de mate van interne recyclage, versterken van veiligheidsprogramma's voor werknemers en het verbeteren van de transparantie van de waardeketen om mensenrechtenrisico's te beperken. De maatregelen die zijn genomen om de specifieke negatieve milieu- en sociale effecten aan te pakken, worden in meer detail beschreven in de desbetreffende secties. e) Het opvolgen van de doeltreffendheid van deze inspanningen en het communiceren Belysse monitort de resultaten van zijn due diligence-activiteiten door middel van belangrijke prestatie indicatoren (KPI's), die worden gerapporteerd in het jaarlijkse duurzaamheidsverslag. De effectiviteit van de genomen maatregelen wordt elk kwartaal beoordeeld en de bevindingen worden aan de stakeholders meegedeeld via regelmatige updates, waaronder externe rapportering via onze halfjaarlijkse gesprekken met investeerders en presentaties van de resultaten die op de website van het bedrijf worden gepubliceerd. De KPI's en streefdoelen om de doeltreffendheid op te volgen van acties om de specifieke negatieve milieu- en sociale effecten aan te pakken, worden in meer detail beschreven in de desbetreffende secties. Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 24 GOV-5 Risicobeheer Het duurzaamheidsrisicobeheer van Belysse is structureel verankerd in het toezicht door de Raad van Bestuur, net zoals alle andere materiële risico's die relevant zijn voor Belysse, specifiek voor duurzaamheid via het ESG-comité en haar connecties met de andere comités van de Raad van Bestuur, waar relevant. De aanpak is gebaseerd op verschillende elementen: • Jaarlijkse evaluatie van de dubbele materialiteitsanalyse, inclusief input van derden en stakeholders • Jaarlijkse evaluatie van de strategie door de Raad van Bestuur • Sterke banden met sectorverenigingen om ervoor te zorgen dat we relevante duurzaamheidsonderwerpen, - veranderingen of -trends van nabij blijven volgen • Duidelijke duurzaamheidsdoelstellingen die verder gaan dan enkel het naleven van eventuele wijzigingen in wet- en regelgeving, door nauwe samenwerking tussen onze Duurzaamheid, HSE, Legal, Finance en HR teams • Er zijn robuuste beleidsregels en procedures opgesteld om de noodzakelijke ESG-aspecten te behandelen • Regelmatige interne en externe communicatie over onze inspanningen op het gebied van duurzaamheid en de voortgang bij het bereiken van onze duurzaamheids- doelstellingen • Gebruik van interne compliance checks en externe verificatie, vaak in het kader van duurzaamheids- en ISO- certificeringen, of op verzoek van onze klanten in het kader van een ESG-audit Duurzaamheidsrapportering, risicobeheer en interne controles We hebben vastgesteld dat de belangrijkste risico's gerelateerd aan onze duurzaamheidsrapportering betrekking hebben op de nauwkeurigheid en volledigheid van gegevens, vooral wanneer ESG-gegevens zijn gebaseerd op een schatting uit de waardeketen of onderhevig zijn aan onzekerheid in indicatoren, zoals beschreven in sectie BP-2 Specifieke omstandigheden. Duurzaamheidsinformatie wordt verzameld bij verschillende afdelingen, voornamelijk Finance, HSE, Operations en Human Resources. De nauwkeurigheid van onze duurzaamheids- rapportering is gebaseerd op interne controlemechanismen, die onder de verantwoordelijkheid vallen van het duurzaamheidsteam. Om de betrouwbaarheid van de verzamelde data maximaal te garanderen, zijn waar mogelijk als primaire databron bestaande rapporten gebruikt die ingebed zijn in de operationele en financiële dagelijkse processen. Aangezien veel kwantitatieve datapunten betrekking hebben op ESG-doelstellingen die al enkele jaren intern en extern door Belysse worden gerapporteerd, passen we robuuste variantieanalyses toe om de betrouwbaarheid en vergelijkbaarheid van de gegevens met eerdere rapporteringperiodes verder te waarborgen. De belangrijkste sectorspecifieke milieurisico's die het meest van nabij worden gevolgd, zijn de circulaire economie (via de Europese Green Deal) en klimaatverandering: Europese Green Deal Met de EU Green Deal wil de Europese Commissie de EU omvormen tot een moderne, concurrerende economie, die efficiënt omgaat met grondstoffen, waarin tegen 2050 geen broeikasgassen meer worden uitgestoten en waarin economische groei is losgekoppeld van het gebruik van grondstoffen. Veel van de beleidsmaatregelen die zijn bedoeld om deze ambitie te verwezenlijken, hebben een impact op ons bedrijf. EU-emissiehandelssysteem (ETS) In België valt Belysse onder de EU ETS-richtlijn. ETS staat voor (CO 2 ) Emissions Trading System. De herziene EU-ETS- richtlijn, die betrekking heeft op de periode 2021 – 2030, legt voorspelbare, robuuste en eerlijke regels vast om het risico op zgn. koolstof-lekkage aan te pakken. Het systeem van kosteloze toewijzing wordt met nog eens tien jaar verlengd en werd herzien om te focussen op sectoren die het grootste risico lopen om hun productie buiten de EU te verplaatsen. Om de snelheid van de emissiereducties te verhogen, zal het totale aantal emissierechten vanaf 2021 afnemen. Belysse volgt eventuele wijzigingen in de EU ETS-richtlijn en heeft verschillende mogelijke exit-scenario's uit het EU ETS- schema geïdentificeerd voor onze productiesite in Tielt; de site in Zele heeft een geïnstalleerde capaciteit die onder de EU ETS-drempel ligt en is dus niet in scope. Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) Het CBAM is een koolstoftarief op koolstofintensieve producten die in de Europese Unie worden geïmporteerd. Deze wet trad in werking op 1 oktober 2023 en bevindt zich in een overgangsfase. Het permanente systeem wordt van kracht op 1 januari 2026. Momenteel is CBAM alleen van toepassing op goederen waarvan de productie zeer koolstofintensief is: cement, ijzer en staal, aluminium, meststoffen, elektriciteit en waterstof. Speculanten voorspellen dat het toepassingsgebied ook zal worden uitgebreid naar andere producten, waaronder plastic. Dit is nog niet bevestigd. Belysse blijft eventuele wijzigingen in de CBAM-scope volgen. Uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV) Met een reeks beleidsmaatregelen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid stuwt de Europese Unie de economie naar meer circulariteit, door bedrijven verantwoordelijk te maken voor hun producten aan het einde van hun levensduur. Dit moedigt niet alleen eco- design aan, maar ook een gestructureerde inzameling en verwerking van afval, en het maximaliseren van circulaire praktijken zoals hergebruik, revisie en recyclage. Vanaf 1 januari 2023 is 'La REP PMCB', de Franse UPV- wetgeving, in werking getreden. Alle entiteiten die bouwproducten op de Franse markt brengen (fabrikanten en importeurs) zijn verplicht om de verkochte volumes te melden en een 'ecobijdrage' voor hun producten te betalen aan de Franse overheid. Omdat Belysse geen productiefaciliteiten heeft in Frankrijk, is het niet onderworpen aan deze wetgeving. Toch hebben we ons aangesloten bij een Frans eco-organisme om onze Franse klanten beter van dienst te kunnen zijn. Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 25 Frankrijk is het eerste Europese land dat wetgeving voor UPV heeft ingevoerd. Onze andere buurlanden zullen naar verwachting snel volgen. • Nederland heeft in juli 2023 een UPV ingevoerd voor kleding en huishoudtextiel (exclusief tapijten). De verwachting is dat de komende jaren complexere textielproducten zoals tapijten zullen volgen. • Ook in het Verenigd Koninkrijk wordt er momenteel over een UPV-regeling gesproken. Het is echter nog niet duidelijk hoe tapijten zullen worden geclassificeerd. Vanuit de industrie is er een sterke lobby tegen het toevoegen van tapijten aan de afvalcategorie 'Grof huishoudelijk afval'. • In België bestaat er sinds 2021 een UPV-systeem voor matrassen. De verwachting is dat een soortgelijk systeem ook voor textiel vloerbedekleding zal worden opgezet. Belysse maakt deel uit van het consortium 'Living Lab Carpet'. Dit is een door VLAIO gefinancierd project waarin nieuwe methodes voor het inzamelen, verwerken en hergebruiken of recycleren van textiel vloerbekleding zullen worden ontwikkeld. Een van de resultaatgebieden van dit project is een aanbeveling voor een Belgisch UPV-systeem. • In de VS was Californië in 2010 de eerste staat die de UPV-wetgeving invoerde. Het is een door de industrie ontworpen en beheerd programma voor tapijtinzameling en -verwerking in de hele staat. Dit programma volgt de principes van producentenverantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat afgedankte tapijten een grondstof worden voor nieuwe producten, op een manier die duurzaam wordt gefinancierd en voldoet aan de afvalbeheer-hiërarchie. Bentley neemt deel aan dit programma via de Carpet America Recovery Effort (CARE) om de staatsdoelstellingen te bereiken. Actieplan voor een Circulaire Economie (CEAP) Het CEAP (Circular Economy Action Plan) van de EU kondigt initiatieven aan gedurende de hele levenscyclus van producten. Het concentreert zich op de manier waarop producten worden ontworpen, bevordert processen van de circulaire economie en moedigt duurzame consumptie aan. Het streeft ernaar afval te voorkomen en de gebruikte grondstoffen zo lang mogelijk in de economie van de EU te houden. • De verordening inzake ecologisch ontwerp voor duurzame producten (ESPR, Eco-design for Sustainable Products Regulation) stelt eisen aan de manier waarop producten worden ontworpen om hun circulariteit en andere milieuduurzaamheidsaspecten te verbeteren. Voor Belysse betekent dit dat we het ontwerp van onze producten zullen moeten aanpassen om aan deze eisen te voldoen. Belysse is lid van verschillende werkgroepen en normcommissies, zoals het project 'CISUFLO', die aanbevelingen voor onze sector formuleren. Zo kunnen we onze input geven en zijn we goed op de hoogte van mogelijke toekomstverwachtingen. • Binnen de ESPR zullen producten een 'digitaal productpaspoort' (DPP) moeten hebben, met als doel de traceerbaarheid van producten te verbeteren en reparatie, hergebruik, revisie en recyclage te vergemakkelijken. Voor de textiel vloerbekledingssector wordt het PRODIS-systeem voorgesteld als DPP. Alle modulyss- en ITC-producten zijn reeds geregistreerd in PRODIS. • De EU-strategie voor kunststoffen legt veel nadruk op kunststofverpakkingen en heeft als doel om minimumvereisten voor het aandeel gerecycleerde grondstoffen in kunststof-verpakkingen vast te leggen. Met name de 'bottle to bottle'-strategie kan gevolgen hebben voor Belysse, aangezien de beschikbaarheid van gerecycleerd polyester voor toepassing in de textielsector wellicht zal afnemen. Klimaatverandering Impact van klimaatverandering op grondstoffen We zijn afhankelijk van polymeren - polyamide, polyester en polypropyleen garens of korrels - afkomstig uit de petrochemische sector als het belangrijkste materiaal voor onze vloerbekleding. Het spreekt dan ook voor zich dat de bescherming van onze planeet van het grootste belang is. Impact van de klimaatverandering op productie en producten We moeten onze ecologische CO 2 -voetafdruk niet alleen verminderen om te voldoen aan de Europese Green Deal en aan de overheidsvoorschriften inzake uitstoot in België (federaal en regionaal) en de Verenigde Staten. We moeten ons ook volledig bewust zijn van de risico’s die de klimaatverandering met zich meebrengt. Klimaatopwarming, droogte, de stijging van de zeespiegel en extreme weersomstandigheden kunnen allemaal een impact hebben op onze activiteiten en we nemen positieve stappen om deze risico’s tot een minimum te beperken. Impact van waterschaarste Al onze productiefaciliteiten bevinden zich boven zeeniveau. Dit betekent dat er momenteel weinig risico bestaat als gevolg van een stijgende zeespiegel die veroorzaakt wordt door de opwarming van de aarde. Onze productieprocessen, met name verf- en drukactiviteiten, zijn echter sterk afhankelijk van water. De regio Vlaanderen in België heeft een van de laagste waterreserves per hoofd van de bevolking. Dit wordt veroorzaakt door de combinatie van een hoge bevolkingsdichtheid en een eerder beperkte aanwezigheid van oppervlakte- en grondwater. De klimaat- verandering is dit kwetsbare evenwicht nu al aan het verstoren. Informatie over droogte en het bewustzijn eromheen is vandaag nog altijd beperkt, maar de economische gevolgen van droogte zouden wel eens aanzienlijk groter kunnen zijn dan die van andere klimaatgevolgen. We investeren verder in waterrecyclage of proceswijzigingen met een lager waterverbruik, waarbij we ons vooral richten op de productievestiging in Tielt. We werken ook actief samen met de Vlaamse Overheid om het gebruik van waterbronnen te optimaliseren, bijvoorbeeld het project 'WaterProof' op het industrieterrein Tielt-Noord waar onze productiesite in Tielt zich bevindt. Het doel van dit project is om het gebruik van water uit alternatieve bronnen zoals regenwater, gezuiverd industrieel afvalwater en drainagewater te maximaliseren. Dit project zal ons toelaten om water te gebruiken uit een groot regenwaterbassin dat dicht bij onze fabriek zal worden geïnstalleerd. Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 26 Strategie SBM-1 Strategie, businessmodellen en waardeketen Belysse is een team van experten met een sterke reputatie op het gebied van zachte vloeren. Wij creëren, ontwikkelen en produceren duurzame vloeroplossingen. Dit is onze kernactiviteit. Daarbij nemen we de verantwoordelijkheid om voor onze mensen te zorgen, om zonder schade aan het milieu producten te maken die waarde creëren voor onze klanten en om winstgevendheid voor onze aandeelhouders te waarborgen. Voor een overzicht van onze waardeketen verwijzen wij naar het schema in sectie BP-1 Algemene basis voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag. Aanvullende informatie over de instroom van grondstoffen is te vinden in sectie E5-4 Instroom van middelen, terwijl aanvullende informatie over klantengroepen wordt beschreven in sectie S4-SBM3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en businessmodel. Interactie met strategie en businessmodel Zoals uiteengezet in het hoofdstuk Strategisch Verslag in het Jaarverslag, is duurzaamheid één van de drie strategische pijlers van Belysse, gedefinieerd als onderdeel van onze 4-jarig transformatie programma BEYOND, en is daarom stevig verankerd in onze algemene bedrijfsstrategie: Deze BEYOND-roadmap omvat het vastleggen van duurzaamheidsdoelstellingen voor het gehele bedrijf, met betrekking tot de belangrijkste duurzaamheidskwesties en uitdagingen die voor Belysse in het verschiet liggen, met een bijzondere focus op milieuonderwerpen. Deze doelstellingen, bijbehorende beleidslijnen en acties worden verder beschreven in de relevante paragrafen van het duurzaamheidsverslag. Belangrijkste producten, markten en marktsegmenten Belysse heeft een sterke focus op Noord-Amerika en Europa onder de premiummerken Bentley (VS), modulyss, arc edition en ITC (Europa), die zich richten op de commerciële en premium residentiële markten. Belysse stelt bijna 1.000 mensen tewerk en heeft drie productievestigingen: 2 in België (Tielt en Zele) en 1 in de Verenigde Staten (Los Angeles). Onze geconsolideerde omzet in 2024 bedroeg € 280,4 miljoen, volledig in de textielsector. We verwijzen naar sectie BP-1 'Algemene basis voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag' voor een overzicht van onze waardeketen, en secties E5-2 'Acties en middelen met betrekking tot het gebruik van grondstoffen en circulaire economie' respectievelijk S4-SBM3 'Materiële impact, risico's en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel' voor meer informatie over onze upstream- en downstreamwaardeketen. Mensen Wij zijn een geïntegreerde fabrikant van zachte vloerbekleding met bijna 1.000 werknemers, die de spil vormen van onze activiteiten en essentieel zijn voor ons succes. Wij zijn er van overtuigd dat we een positieve en collaboratieve werkomgeving moeten creëren waarin de persoonlijke ontwikkeling van werknemers wordt bevorderd om onze doelstellingen te bereiken. Door een sterke en transparante communicatie over onze waarden en onze strategische doelstellingen, kan iedereen in de organisatie bijdragen aan de verwezenlijking ervan. Als overtuigde voorstanders van lichamelijk en geestelijk welzijn op de werkplek, blijven gezondheid en veiligheid onze topprioriteit. We blijven inzetten op risicobewustzijn, veiligheidsacties en leiderschap inzake veiligheid door middel van preventiecampagnes, gerichte initiatieven en opleidingen, en door het gebruik van digitale tools voortdurend op te voeren. Planeet Belysse heeft haar hoofdkantoor in Europa en productievestigingen in België en de VS. Twee van onze drie fabrieken vallen onder het EU-beleid en het bijbehorende actieplan voor duurzame financiering. De Europese Green Deal heeft als doel om Europa tegen 2050 klimaatneutraal te maken. Belysse staat volledig achter die doelstelling en de shift van een lineaire naar een circulaire economie en is zich volledig bewust van zijn verantwoordelijkheden in deze transitie. Na de Desinvestering hebben we de mijlpalen die in 2018 zijn opgesteld, opnieuw beoordeeld. Op basis van onze voortgang tot nu toe en de plannen die we voor de komende jaren hebben opgesteld, zien we geen reden om onze doelen te herformuleren. Sterker nog, gezien de trend waarbij internationale, nationale en regionale doelstellingen worden aangescherpt, hebben we er alle vertrouwen in dat we onze doelstellingen kunnen realiseren. Bedrijfsethiek Belysse handelt in overeenstemming met de geldende wetgeving, maar wil ook voldoen aan de strengste normen op het vlak van integriteit en ethiek. Daarom leveren we voortdurend inspanningen om ons robuuste compliancebeleid onder de aandacht te brengen. In 2024 zijn er online trainingen georganiseerd en gevolgd door onze werknemers, op het gebied van omkoping en corruptie, mededinging en informatiebeveiliging. Het interne compliance beleid werd geüpdatet in overeenstemming met de huidige wetgeving en een formele gedragscode is nog in voorbereiding (met het doel deze in 2025 te finaliseren). Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 27 SBM-2 Belangen en standpunten van stakeholders Belangrijkste groepen stakeholders Participatiemethode Doel van de participatie Uitkomstoverweging (gerelateerd aan strategie en businessmodel) Werknemers • Enquêtes over welzijn en betrokkenheid • Town hall meetings • Zorgen voor open tweerichtings- communicatie met onze werknemers • Een duidelijk begrip stimuleren van de visie en strategie van Belysse • Zorgen voor betrokkenheid van werknemers • Een positieve werkomgeving bevorderen • Regelmatige formele en informele communicatie door management • Aanpassingen van het bedrijfsbeleid • Verbeteringen en actieplannen die ingaan op specifieke verzoeken of zorgen van werknemers Federatie & sectorverenigingen • Vergaderingen van leden van de federatie • Proactief op de hoogte zijn van mogelijke wijzigingen in de wetgeving die gevolgen kunnen hebben voor onze industrie of Belysse in het bijzonder • Bijdragen aan industriestandaarden op het gebied van duurzaamheid • Afstemmen over duurzaamheids-praktijken • Samenwerkingsverbanden tot stand brengen Financiële stakeholders • Investors calls • Vergaderingen van de Raad van Bestuur • ESG-evaluaties op kwartaalbasis • Jaarlijkse ESG- benchmarking • Ervoor zorgen dat de strategie en het bedrijfsmodel van Belysse in lijn zijn met de verwachtingen van onze belangrijkste financiële stakeholders • Antwoorden op vragen van investeerders Wetgevers • Geen formele reguliere betrokkenheid, ad-hoc • Op de hoogte blijven van mogelijke wetswijzigingen die van invloed kunnen zijn op Belysse • Mogelijke compliance risico’s beperken Leveranciers • Enquêtes • Due diligence van leveranciers • Audits ter plaatse • Regelmatige communicatie met onze afdeling Inkoop • Naleving van onze gedragscode voor leveranciers • Verantwoorde aankoop bevorderen • De mensen- en arbeidsrechten van werknemers in de waardeketen beschermen • Geïnformeerde selectie van leveranciers • Jaarlijkse verklaring over slavernij en mensenhandel Vakbonden • Regelmatige vergaderingen zoals ondernemingsraden, CPBW (Comités voor Preventie en Bescherming op het Werk) • Zorgen voor een open en communicatieve relatie met onze werknemers en de vakbonden • Ervoor zorgen dat we voldoen aan alle haalbare verzoeken met betrekking tot onze manier van werken • Verbeteringen en actieplannen die ingaan op specifieke verzoeken of bezorgdheden van werknemers Klanten • Enquêtes • Regelmatige communicatie met onze werknemers van Sales en Customer Service • Ervoor zorgen dat de strategie en het bedrijfsmodel van Belysse in lijn zijn met de verwachtingen van onze klanten en eindgebruikers • Op de hoogte blijven van opkomende trends in de markt • Onze klanten en eindgebruikers voorzien van duurzame vloer- oplossingen • Onze klanten in staat stellen hun duurzaamheidsdoelstellingen te bereiken • Verbeteringen in producten/diensten • Marketing communicaties die relevant zijn voor onze klanten Lokale gemeenschappen/ autoriteiten • Geen formele reguliere betrokkenheid, ad-hoc • Zorgen voor een open communicatielijn met lokale gemeenschappen en autoriteiten • Eventuele bezorgdheden of vragen van de gemeenschap aanpakken • Vertrouwen opbouwen met lokale gemeenschappen • Actieve deelname aan lokale duurzaamheidsinitiatieven Burgerlijke en non- profitorganisaties • Ondersteuning van en samenwerking op het gebied van duurzaamheid en onderzoeksprojecten • Partnerschappen met NGO's • Deelnemen aan een breder ecosysteem, buiten onze eigen activiteiten of waardeketen • Bijdrage aan lokale en wereldwijde duurzaamheidsinitiatieven • Actieve deelname aan onderzoeksprojecten die relevant zijn voor de industrie Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 28 Waar relevant worden deze belangen en standpunten van stakeholders besproken met het ESG-comité volgens het proces dat is beschreven in GOV-1 'De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen' en GOV-2 'Informatie verstrekt aan en duurzaamheidskwesties aangepakt door bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van Belysse'. SBM-3 Materiële impact, risico's en opportuniteiten E1 - Klimaatverandering Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O CO 2 - voetafdruk (scope 1, scope 2 en scope 3) Negatieve impact Emissie van broeikasgassen door energieverbruik in de fabrieken Eigen operaties Actuele impact Belysse is voortdurend op zoek naar innovatie in haar producten en productieprocessen om de ecologische voetafdruk van haar fabrieken te verkleinen N.V.T Negatieve impact Emissie van broeikasgassen door de winning en productie van grondstoffen Upstream Actuele impact De EPD's van onze producten laten zien dat de belangrijkste CO 2- voetafdruk afkomstig is van de winning en verwerking van grondstoffen. Belysse werkt actief om meer gerecycleerde grondstoffen in haar producten te gebruiken. Bovendien maakt een deel van de leveranciers van Belysse gebruik van hernieuwbare energiebronnen en schakelen ze over op energie- efficiëntere productieprocessen N.V.T Negatieve impact Emissie van broeikasgassen door de verwerking van de producten van Belysse aan het einde van de levensduur Downstream Actuele impact Het merendeel van de tapijten en tapijttegels wordt aan het einde van de levensduur nog steeds verbrand, wat resulteert in de uitstoot van broeikasgassen. Belysse zet actief samenwerkingen op die hergebruik en/of recyclage van haar producten aan het einde van hun levensduur mogelijk maken N.V.T Negatieve impact Emissie van broeikasgassen uit de up- en downstream supply chain (transport van grondstoffen en eindproducten) Upstream, Downstream Actuele impact Hoewel de CO 2 -voetafdruk kleiner is dan de winning van grondstoffen en de verwerking van producten aan het einde van de levensduur, leidt transport nog steeds tot aanzienlijke broeikasgasemissies. Acties die we ondernemen zijn het kiezen van de meest efficiënte manier van transport, het optimaliseren van zendingen en ook ons productontwerp heeft impact - onze ecoBACK PLUS-backing die in 2024 is gelanceerd, is zo licht dat er meer tegels tegelijk kunnen worden vervoerd, wat resulteert in een vermindering van de CO 2 - uitstoot door transport met 18% N.V.T Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 29 E1 – Klimaatverandering (vervolg) Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O CO 2 -voetafdruk (scope 1, scope 2 en scope 3) (vervolg) Opportuniteit Mogelijkheid om marktaandeel te winnen dankzij onze SBTi verbintenis, vermits dit een vereiste is van sommige grotere klanten Downstream 1 – 5 jaar Belysse heeft zich in 2023 geëngageerd voor SBTi, haar voorgestelde SBTi- doelstellingen in de loop van 2024 ingediend en deze doelstellingen zijn begin 2025 gevalideerd € 1-5 m Positieve impact Positieve impact door de perceptie van klanten van Belysse’s SBTi verbintenis Downstream 1 – 5 jaar Belysse heeft zich in 2023 geëngageerd voor SBTi, haar voorgestelde SBTi- doelstellingen in de loop van 2024 ingediend en deze doelstellingen zijn begin 2025 gevalideerd N.V.T Gebruik van energiebronnen Negatieve impact Uitputting van fossiele brandstoffen om aan de energievraag van Belysse te voldoen Eigen operaties Actuele impact Waar mogelijk en economisch haalbaar schakelt Belysse haar energieverbruik over op hernieuwbare energie N.V.T Negatieve impact Uitputting van fossiele brandstoffen om aan de grondstoffenvraag van Belysse te voldoen Upstream Actuele impact Belysse werkt actief om meer gerecycleerde grondstoffen in haar producten te gebruiken en onderzoekt voortdurend mogelijkheden om bio- based materialen toe te passen N.V.T Risico Risico van extra investeringskosten in infrastructuur om het energieverbruik van Belysse te verminderen en/of hogere kosten om koolstofemissie- rechten te kopen Eigen operaties 1 – 5 jaar Belysse heeft haar energieverbruik en de daarmee gepaard gaande koolstof-uitstoot de afgelopen jaren aanzienlijk verminderd, met doelstellingen om deze verder te verminderen, naast onze SBTi- verbintenis € 1-5 m E2 – Pollutie Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Impact van onze productie- processen Negatieve impact Lozing van afvalwater van de water- zuiveringsinstallatie op de site in Tielt naar oppervlaktewater- stromen, gezien de steeds strengere wetgeving en normen waaraan we moeten voldoen om onze exploitatievergunning te behouden Eigen operaties Actuele impact Waar nodig om te voldoen aan wetgeving en normen, past Belysse haar producten en productieprocessen hierop aan N.V.T Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 30 E2 – Pollutie (vervolg) Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Impact van onze productie- processen (vervolg) Risico Risico dat strengere uitstootlimieten voor emissies naar lucht en water investeringen in nieuwe infrastructuur of innovatieve technologieën vereisen om onze exploitatievergunning te behouden Eigen operaties 1 – 5 jaar Belysse volgt de wijzigingen in wetgeving en normen op de voet. Waar nodig om te voldoen aan wetgeving en normen, past Belysse haar producten en productieprocessen hierop aan € 5-10 m Schadelijke stoffen in onze producten Positieve impact Belysse eist van leveranciers dat ze zich houden aan de gedragscode voor leveranciers, waarin de eisen met betrekking tot milieuprestaties zijn vastgelegd Upstream Actuele impact Het naleven van de gedragscode voor leveranciers van Belysse is een must voor elke bestaande of potentiële nieuwe leverancier N.V.T Risico Risico verbonden aan het feit dat veel van de producten van Belysse C2C-gecertificeerd zijn; om een geavanceerd certificeringsniveau te behalen of te behouden, moeten onze leveranciers essentiële informatie vrijgeven en bereid zijn samen te werken wanneer verbeteringen nodig zijn Upstream 1 – 5 jaar Deze informatie maakt deel uit van de leveranciersdocumentatie die Belysse opvraagt aan haar potentiële leveranciers. De bereidheid om te verbeteren waar nodig, maakt deel uit van onze evaluatiecriteria voor leveranciers € 5-10 m E3 – Water Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Water- verbruik Negatieve impact Uitputting van grondwater voor gebruik in de productieprocessen in Tielt Eigen operaties Actuele impact Belysse is voortdurend op zoek naar innovatie in haar producten en productieprocessen om haar waterbehoefte te verminderen. Daarnaast maximaliseren we het gebruik van regenwater en grijs water waar technisch haalbaar en maken we deel uit van het WaterProof project in Tielt om de opvang van regenwater in het gebied verder te verbeteren N.V.T Negatieve impact Potentiële impact van verhoogde water- schaarste in de regio rond de fabriek in Tielt door hoog water- verbruik in de omgeving Eigen operaties 1 – 5 jaar Belysse evalueert momenteel de verschuiving van producten naar productieprocessen die aanzienlijk minder water vereisen, en neemt voorbereidende stappen om mogelijks waterrecyclage ter plaatse mogelijk te maken N.V.T Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 31 E5 – Gebruik van grondstoffen en circulaire economie Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Verbruik van grondstoffen Negatieve impact Emissie van broeikasgassen door de winning en productie van grondstoffen Upstream Actuele impact Belysse werkt actief om meer gerecycleerde grondstoffen in haar producten te gebruiken en onderzoekt voortdurend mogelijkheden om bio-based materialen toe te passen. In 2024 hebben we onze eerste producten op de markt gebracht die bio-based materialen bevatten: de modulyss PLUS-collectie met onze nieuw ontwikkelde lichtere ecoBACK PLUS- backing met bio-based materiaal, wat resulteert in een lagere ecologische voetafdruk en een verminderd global warming potential N.V.T Risico Potentiële aanzienlijke stijgingen van de grondstofkosten als gevolg van uitputting van fossiele bronnen in de loop van de tijd Upstream 5 – 10 jaar Naast het vergroten van het aandeel gerecycleerde grondstoffen in onze producten en het onderzoeken van mogelijkheden om bio- based materialen te gebruiken, werkt Belysse actief samen met haar waardeketen, binnen de bredere industrie en in haar eigen operaties om de recy- cleerbaarheid van producten, recyclagetechnieken en recyclage van onze producten aan het einde van de levensduur te verbeteren € 5-10 m Afval- behandeling Negatieve impact Emissie van broeikasgassen door de behandeling van afval afkomstig van het productie- proces en aan het einde van de levensduur van onze producten Downstream Actuele impact Waar technisch en economisch haalbaar, recycleert Belysse haar eigen productieafval. Voor alle andere afvalstromen en de verwerking van producten aan het einde van de levensduur gaat de voorkeur uit naar partners die mogelijkheden bieden voor hergebruik en/of recyclage N.V.T Keuze van grondstoffen Positieve impact Verminderde uitstoot van broeikasgassen door het gebruik van gerecycleerde of bio-based materialen te vergroten Upstream Actuele impact Belysse werkt actief om meer gerecycleerde grondstoffen in haar producten te gebruiken en onderzoekt voortdurend mogelijkheden om bio-based materialen toe te passen N.V.T Negatieve impact Belysse betrekt een belangrijk deel niet-gerecycleerde grondstoffen, waardoor een lineair economisch systeem met winning uit fossiele bronnen in stand wordt gehouden Upstream Actuele impact Zowel het toegenomen gebruik van gerecycleerde grondstoffen als het gebruik van bio-based materialen stelt Belysse in staat om afstand te nemen van dit lineaire economische systeem N.V.T Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 32 E5 – Gebruik van grondstoffen en circulaire economie (vervolg) Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Keuze van grondstoffen (vervolg) Risico Risico op verlies van marktaandeel, indien Belysse niet in staat zou zijn om voldoende grondstoffen met gerecycleerde of hernieuwbare inhoud tegen een economisch haalbare prijs te betrekken als gevolg van beperkte beschikbaarheid op de markt Upstream 1 – 5 jaar Belysse werkt actief samen met haar waardeketen om de aankoop van geverifieerde gerecycleerde grondstoffen te verhogen en de mogelijkheden om bio-based materialen te gebruiken te vergroten € 5-10 m Opportuniteit Opportuniteit door de voorkeur van klanten voor producten met een lage ecologische voetafdruk Downstream 1 – 5 jaar Een aanzienlijk deel van onze bestaande klanten – vooral in het commerciële segment – houdt rekening met de ecologische voetafdruk van het product in hun beslissingsproces. Mogelijke verdere wijzigingen in de wetgeving om klanten te stimuleren dit te doen, zullen dit belang alleen maar vergroten en we verwachten een vergelijkbare groeiende trend bij residentiële klanten € 5-10 m Acties aan het einde van de levensduur van producten Negatieve impact Het merendeel van de tapijten en tapijttegels wordt aan het einde van de levensduur nog steeds verbrand, wat resulteert in de uitstoot van broeikasgassen. In sommige afzetregio's is storten ook nog toegestaan Downstream Actuele impact Belysse zet samenwerkingen op om de terugname van onze producten aan het einde van de levensduur te stimuleren, met een duidelijke voorkeur voor oplossingen die hergebruik en/of recyclage mogelijk maken boven energetische valorisatie of storten van afval N.V.T Risico Risico op verlies van marktaandeel, mocht Belysse niet voldoen aan de eis van zijn klanten om recycleerbare producten te maken Downstream 1 – 5 jaar Belysse onderzoekt voortdurend de mogelijkheden om de samenstelling van haar producten en de bijbehorende productieprocessen te veranderen, om de recycleerbaarheid van haar producten te vergroten, in nauwe samenwerking met verschillende instituten en leveranciers € 5-10 m Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 33 S1 – Eigen personeelsbestand Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Gezondheid en veiligheid op het werk Negatieve impact Werknemers in de fabrieken werken met machines, wat een inherent veiligheidsrisico met zich mee- brengt. Sommige taken zijn ergonomisch veeleisend Eigen operaties Actuele impact Als overtuigde voorstanders van lichamelijk en geestelijk welzijn op de werkplek, blijven gezondheid en veiligheid onze topprioriteit. We blijven inzetten op risicobewustzijn, veiligheidsacties en leiderschap inzake veiligheid door middel van preventiecampagnes, gerichte initiatieven en opleidingen, en door het gebruik van digitale tools voortdurend op te voeren N.V.T Welzijn en respect Risico Met een vergrijzende populatie loopt Belysse het risico geconfronteerd te worden met een kennisgebrek wanneer oudere werknemers met pensioen gaan en we hen niet zouden kunnen vervangen door nieuwe werk- nemers met de juiste vaardigheden. Over het algemeen is het een uitdaging om nieuwe mensen aan te trekken voor openstaande vacatures Eigen operaties 1 – 5 jaar We hebben de employer branding campagne 'De mensen van Belysse' gelanceerd, waarmee we meer cohesie willen creëren in het huidige personeelsbestand, wat ons op zijn beurt een meer aantrekkelijke werkgever maakt. Binnen het huidige personeelsbestand investeren we in persoonlijke groei en ontwikkeling. < € 1 m S2 – Werknemers in de waardeketen Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Beheer van de waardeketen Negatieve impact Veel van onze leveranciers werken met chemische en industriële processen. Op basis van VN-risico- tools hebben we 'risico op ongevallen op de werkplek' geïdentificeerd als een hoog risico voor het merendeel van onze grondstoffen- leveranciers Upstream Actuele impact Belysse eist van alle leveranciers dat ze onze gedragscode voor leveranciers ondertekenen en naleven. De gedragscode heeft betrekking op sociale, veiligheids- en milieuonderwerpen. Hierin is vastgelegd dat leveranciers ervoor moeten zorgen dat hun eigen leveranciers, contractoren en andere zakenpartners aan onze eisen voldoen. Belysse behoudt zich het recht voor om de naleving van de gedragscode ter plaatse te controleren. N.V.T Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 34 S2 – Werknemers in de waardeketen (vervolg) Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Beheer van de waardeketen Risico Risico van het ontbreken van alternatieve leveranciers om belangrijke materialen van te kopen, mocht er een ethisch of institutioneel probleem worden vastgesteld Upstream 1 – 5 jaar Tegenover onze leveranciers drukken we onze verwachtingen met betrekking tot milieu- en sociale effecten duidelijk uit door middel van onze gedragscode voor leveranciers. Het document is gebaseerd op de VN-richtlijnen voor mensenrechten en bedrijfsleven', maar bestrijkt meer dan alleen mensenrechten- onderwerpen. Het verplicht leveranciers om: • Naleving van de toepasselijke wet- en regelgeving aan te tonen • Mensen- en arbeidsrechten te respecteren • Zich te houden aan gezond- heids- en veiligheidsnormen • Hun impact op het milieu te beperken • Normen voor ethisch zakelijk gedrag te volgen Het ondertekenen van de gedragscode voor leveranciers is een harde vereiste om leverancier van Belysse te worden € 5-10 m S4 – Consumenten en eindgebruikers Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Informatie- gerelateerde effecten Positieve impact Publicatie van productrelevante informatie om onze klanten in staat te stellen producten te vergelijken voordat ze hun keuze maken, om duurzaamheidscriteria mee te nemen in hun besluitvormingsproces Downstream Actuele impact Belysse stelt de nodige duurzaamheidsgegevens en certificaten ter beschikking van haar klanten N.V.T Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 35 S4 – Consumenten en eindgebruikers (vervolg) Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Informatie- gerelateerde effecten Risico Risico om klanten te verliezen, mocht Belysse niet in staat zijn om klanten de gevraagde certificering te verstrek- ken (bv. met betrekking tot productveiligheid of duurzaamheidsaspecten) Downstream 1 – 5 jaar Belysse biedt een breed scala aan certificaten van gerenommeerde instituten aan haar klanten en zoekt voortdurend naar mogelijkheden om haar producten en productieprocessen te innoveren om de duurzaamheids-kenmerken van haar producten verder te verbeteren. Bentley heeft Health Product Declarations op alle 12 backing platformen. De HPD Open Standard is een gestandaardiseerde specificatie voor betrouwbare rapportering van productinhoud en bijbehorende gezondheidsinformatie voor producten die in de bouwsector worden gebruikt. Alle modulyss- en ITC- producten worden geregistreerd in het PRODIS- systeem. Een recente ontwikkeling van het PRODIS-systeem is het product-paspoort, een online tool waarmee gebruikers informatie kunnen krijgen over technische details, schadelijke stoffen, gerecycleerd materiaal en LCA-resultaten van onze producten. In 2023 hebben we de duurzaamheidsdatasheets van onze modulyss-tapijttegels geüpdatet en een QR-code toegevoegd die klanten de directe link naar het PRODIS- productpaspoort toont. € 1-5 m Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 36 S4 – Consumenten en eindgebruikers (vervolg) Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Product veiligheid Positieve impact Belysse beschikt over certificeringen en verklaringen die de klant duidelijk aangeven dat er geen product- gerelateerde bezorgdheden zijn. Als onderdeel van aftersales geven we ook aanbevelingen aan onze klanten voor onderhoud om mogelijke problemen te voorkomen Downstream Actuele impact Met productievestigingen in België en Californië voldoen we aan zeer strenge regelgeving met betrekking tot het gebruik van chemische stoffen in onze producten, zoals de REACH- en POP- regelgeving. Alle grondstoffen worden gescreend voordat ze op onze locaties kunnen worden geleverd. Onze producten voldoen ook aan de minimumcriteria voor gezondheid en veiligheid zoals gedefinieerd in de geharmoniseerde Europese norm EN14041, beter bekend als de CE-markering, met criteria voor veiligheid, slip, antistatische eigenschappen en gevaarlijke stoffen. In ons productontwerp richten we ons op het gebruik van materialen met een lage uitstoot van vluchtige organische stoffen (VOS). Naast het verminderen van de VOS-uitstoot, hebben we als doel gesteld om geen schadelijke chemische stoffen te gebruiken. Wij volgen de richtlijnen van erkende certificatieschema's: • De Cradle to Cradle Material Health Assessment, een van de strengste chemische beoordelingen voor producten • Alle Bentley-producten hebben het Declare-label van het International Living Institute. Declare screent de ingrediënten van een product aan de hand van de Living Building Challenge Red List en zorgt ervoor dat het product geen chemische stoffen bevat waarvan bekend is dat ze een risico vormen voor de menselijke gezondheid of het milieu N.V.T Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 37 G1 – Governance Materiële impact, risico of opportuniteit Beschrijving Oorsprong Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse Financiële gevolgen van R&O Bedrijfsvoering binnen de eigen operaties Positieve impact Belysse organiseert regelmatig trainingen voor werknemers met betrekking tot het zakelijk gedragsbeleid Eigen operaties Actuele impact Belysse organiseert regelmatig verplichte trainingen voor werk- nemers over onderwerpen op het gebied van zakelijk gedrag, zoals antitrust, anti- witwaspraktijken, anticorruptie, antifraude N.V.T Risico Risico op reputatie- schade en/of financiële schade, mocht er zich een probleem met de bedrijfsvoering voordoen, zoals een cyberaanval of corruptie,... Eigen operaties 1 – 5 jaar De afgelopen jaren heeft Belysse sterk geïnvesteerd in het creëren van een gestructureerd, compliance- programma voor de hele Groep. Het programma omvat beleidsverklaringen en tools om de belangrijkste compliance risico's te identificeren, te beoordelen en aan te pakken. Ons beleid wordt jaarlijks en op ad-hoc basis herzien, bijvoorbeeld wanneer de wetgeving wordt gewijzigd. Bovendien worden interne controles geleidelijk geïntegreerd in alle operationele processen in nauwe samenwerking met Finance, de Credit Control, de verschillende business units en andere relevante functies. Gegevensbescherming en cyber-beveiliging behoren tot de hoogste prioriteiten bij Belysse Group. Er worden voortdurend inspanningen geleverd om de bescherming van ons beveiligingssysteem en van persoonsgegevens te verbeteren, waaronder het aanbieden van verplichte online cursussen over cyber- beveiliging aan werknemers. € 1-5 m Risico Risico op boetes, indien Belysse niet voldoet aan de toepasselijke wetgeving Eigen operaties 1 – 5 jaar We hebben een reeks verschillende beleidslijnen en procedures ontwikkeld en blijven deze ontwikkelen, nauwlettend opvolgen en altijd up-to-date houden. Deze beleidsverklaring is de operationele vertaling van de meest recente regelgeving en aanbevelingen, en omvat de ethische principes en integriteitsnormen van de Groep. € 1-5 m De financiële effecten van risico's en opportuniteiten zijn op jaarbasis geschat, met uitzondering van vereiste investeringen (klimaat, pollutie) en governance-gerelateerde risico's die over de aangegeven tijdshorizon cumulatieve effecten zouden zijn, aangezien we zouden verwachten dat deze investeringen of governance risico's zich voordoen als eenmalige gebeurtenissen in plaats van zich over meerdere jaren te herhalen. Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 38 Deze high level schattingen zijn gebaseerd op het oordeel van interne Business en Finance experts, en werden geschat als EBITDA impact, behalve voor noodzakelijke investeringen die kapitaalinvesteringen zouden zijn. Onze DMA heeft geen materiële risico's en opportuniteiten geïdentificeerd waarvoor er een aanzienlijk risico bestaat op materiële aanpassing binnen de volgende jaarlijkse verslagperiode van de boekwaarden van activa en passiva die in gerelateerde jaarrekeningen worden gerapporteerd. Aangezien duurzaamheid een belangrijke pijler is in de algemene strategie van Belysse en de geïdentificeerde IRO's in overeenstemming zijn met de materiële ESG-thema's die al in voorgaande jaren door middel van materialiteitsanalyses zijn geïdentificeerd, zijn we van mening dat de aard, de verwachte tijdshorizon en de potentiële impact van deze IRO’s niet vereisen om onze strategie en ons bedrijfsmodel aan te passen buiten ons aanpassingsvermogen als of waar nodig. Zoals hierboven in meer detail beschreven in de 'Effecten en reacties van Belysse', beoordelen we dat we de geïdentificeerde IRO's in het algemeen kunnen beheren door middel van beleid, doelstellingen en acties die passen binnen de context van ons bestaande bedrijfsmodel en onze strategie. Aangezien dit het eerste jaar is waarin op basis van IRO’s wordt gerapporteerd, zijn er geen veranderingen in IRO's in vergelijking met voorgaande rapporteringperiodes. IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces In 2020 voerde Belysse een eerste materialiteitsanalyse uit om de belangrijkste ESG-onderwerpen te identificeren die relevant zijn voor het bedrijf. In 2023 hebben we besloten om de omvang van onze materialiteitsanalyse uit te breiden met zowel het 'outside-in'- als het 'inside-out'-perspectief. Er is een zogenaamde 'Dubbele materialiteitsanalyse' uitgevoerd. In 2024 is deze dubbele materialiteitsanalyse geactualiseerd om ervoor te zorgen dat volledig wordt voldaan aan de CSRD-vereisten. Waardeketen in kaart brengen Ons materialiteitsbeoordelingsproces is niet gericht op specifieke activiteiten, zakelijke relaties, regio's of andere factoren die aanleiding geven tot een verhoogd risico op ongunstige effecten - het dekt volledig de activiteiten van Belysse Group en al haar dochterondernemingen. Als onderdeel van de DMA heeft Belysse de materiële impact, risico's en opportuniteiten in alle activiteiten en de waardeketen beoordeeld: • Upstream waardeketen bestaande uit leveranciers • Eigen activiteiten bestaande uit onze 3 productievestigingen in Tielt, Zele en Los Angeles, en onze werknemers • Downstream-waardeketen bestaande uit onze klanten, consumenten en eindgebruikers De beoordeling strekt zich ook uit tot de verschillende interne en externe stakeholders die we via onze activiteiten beïnvloeden; deze groepen stakeholders worden verder beschreven in de sectie "Betrokkenheid van de belangrijkste stakeholders" hieronder. Tijdshorizon Bij de beoordeling van impact, risico’s en opportuniteiten passen we de tijdshorizon toe zoals gedefinieerd in ESRS 1: • Korte termijn: het verslagjaar • Middellange termijn van 1-5 jaar • Lange termijn met een tijdshorizon van meer dan 5 jaar Betrokkenheid van belangrijke stakeholders Bij Belysse zijn we ons terdege bewust van het belang om stakeholders te betrekken, voor de toekomstige duurzaamheid van ons bedrijf. In het kader van de dubbele materialiteitsanalyse hebben we onze lijst van stakeholders herzien en uitgebreid. Betrokken stakeholders Participatiemethode Gebruikers van het verslag Participatiemethode Intern Leiderschapsteam Workshops Geselecteerde leden van de Raad van Bestuur Workshops Werknemers Enquête Kredietverstrekker Desktop onderzoek Sleutelfiguren voor ESG- onderwerpen binnen Belysse Workshops Analisten en investeerders Desktop onderzoek Extern Klanten Enquête Overheid, institutionele organen Desktop onderzoek Leveranciers Enquête Federaties Interview Lokale gemeenschappen - Wetenschappelijke kenniscentra Desktop onderzoek Partners Enquête / interview Pers & media Desktop onderzoek Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 39 Om externe feedback te krijgen op onze IRO lijst, hebben we contact opgenomen met zowel de betrokken stakeholders als de gebruikers van het rapport. De participatiemethoden werden aangepast aan de specifieke stakeholder en omvatten workshops, directe interviews, enquêtes en desktoponderzoek. Op basis van de gecombineerde feedback van interne en externe stakeholders werd de materialiteit van elke geïdentificeerde IRO beoordeeld door een impactscore toe te kennen: - probabiliteit en ernst van de impact op basis van remedieerbaarheid, schaal en reikwijdte (Impacts) - tijdshorizon, probabiliteit en de omvang van hun financiële effect (risico's en opportuniteiten). Lidmaatschap van verenigingen We hebben ook gebruik gemaakt van de inzichten van verschillende sectorverenigingen en federaties waarvan we lid zijn, door middel van gerichte interviews als aanvulling op het desktop onderzoek dat we hebben gebruikt om het standpunt van wetenschappelijke kenniscentra, overheids- en institutionele organen en bredere pers en media vast te leggen. We vonden deze gesprekken bijzonder belangrijk om ervoor te zorgen dat we een voldoende breed beeld hadden van de impact, risico’s en opportuniteiten die van invloed zijn op de bredere sector, en om ervoor te zorgen dat we ook rekening hielden met IRO's met een mogelijk langere tijdshorizon. Het eigenlijke proces van dubbele materialiteitsanalyse werd in drie fasen uitgevoerd: Identificatie van impact, risico's en opportuniteiten Belysse, een bedrijf met lokale productie maar wereldwijde waardeketens en afzetmarkten, heeft een impact op mens en milieu. De analyse daarvan, het 'Inside-Out perspectief', werd samengevat in de lijst van impacten. Belysse heeft niet alleen een impact op mens en milieu, ons bedrijf wordt ook beïnvloed door ESG-activiteiten buiten ons bedrijf. Het resultaat van het 'Outside-In' perspectief is geanalyseerd, wat heeft geresulteerd in een lijst van Risico's en Opportuniteiten. Impact, risico’s en opportuniteiten werden onafhankelijk van elkaar geïdentificeerd, maar eventuele onderlinge afhankelijkheden tussen impacten en risico's of opportuniteiten zijn duidelijk geïdentificeerd en uiteindelijk gebruikt om de financiële en impactmaterialiteit van gekoppelde IRO's opnieuw in evenwicht te brengen om een consistente aanpak te waarborgen. Eerst hebben we een longlist van materialiteit opgesteld, waarbij we de ESRS-normen als kompas hebben gebruikt en workshops hebben gehouden met interne experts over elk van de ESRS-normen. Er werden interviews of focus groep sessies met interne experts gehouden om de belangrijkste risico's en opportuniteiten voor elk ESRS sub-topic in kaart te brengen, vanuit een operationeel, juridisch, financieel of commercieel perspectief. Er werden interviews en gerichte enquêtes gehouden met interne en externe stakeholders om de werkelijke en potentiële effecten in kaart te brengen. Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 40 Beoordeling van impact, risico's en opportuniteiten Deze verschillende inputs werden geconsolideerd in een Impact, Risico’s & Opportuniteiten ("IRO") kader. In dit kader werden de impacten (actueel en potentieel) en de risico's en opportuniteiten (korte, middellange en lange termijn) beoordeeld aan de hand van CSRD-vereisten om alle ESG-onderwerpen te rangschikken en te bepalen welke het meest materieel zijn voor Belysse: • Een focusgroep bestaande uit interne experts op het gebied van financiën, juridische zaken, verkoop, strategie en HR evalueerde alle geïdentificeerde risico's en opportuniteiten in termen van tijdshorizon, probabiliteit en omvang van het financiële effect - op basis van feedback uit externe interviews met stakeholders en enquêtes. De combinatie van deze 3 aspecten resulteerde in een financiële materialiteit. • Een focusgroep bestaande uit interne experts op het gebied van R&D, HSE en HR evalueerde alle effecten in termen van probabiliteit, remedieerbaarheid, schaal en reikwijdte - op basis van feedback uit interviews met externe stakeholders en enquêtes. De combinatie van deze 4 aspecten resulteerde in een impact materialiteit. • De probabiliteit van het optreden van risico's en opportuniteiten is beoordeeld op een schaal van onwaarschijnlijk tot zeer waarschijnlijk; de omvang van het financiële effect is geschat op een schaal variërend van < € 1 miljoen, € 1-5 miljoen, € 5-10 miljoen en ≥ € 10 miljoen • De probabiliteit van impacten is beoordeeld als werkelijke impact (100% probabiliteit) of de waarschijnlijkheid van het optreden van mogelijke impacten • Remedieerbaarheid is beoordeeld als hoe moeilijk het zou zijn om de impact om te keren in termen van mogelijkheid om terug te draaien en de kosten en inspanningen die nodig zijn om dit te doen, variërend van gemakkelijk te herstellen tot onherstelbaar • De schaal is beoordeeld op een bereik van beperkt tot zeer significant • De reikwijdte is beoordeeld op een bereik van lokaal tot wereldwijd De resulterende Dubbele Materialiteitsmatrix werd besproken met het ESG-comité, waarbij de impact en financiële materialiteit van elk sub-topic werden beoordeeld en de materialiteitsdrempel voor beide dimensies werd bepaald. Alle onderwerpen met een hoge impact en/of financiële materialiteit worden als materieel beschouwd voor Belysse. Vervolgens is een materialiteitsdrempel toegepast op de onderliggende impact, risico's en kansen; de voorgestelde materiële IRO's werden goedgekeurd door het ESG-comité, voorgelegd aan het Audit Comité en tot slot goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Duurzaamheidsgerelateerde impact, risico’s en opportuniteiten worden op dezelfde manier beoordeeld als alle andere zakelijke IRO's die van invloed zijn op Belysse, met uiteindelijk toezicht door de Raad van Bestuur, direct of indirect via het ESG- comité en zijn connecties met de andere comités van de Raad van Bestuur. Aangezien dit het eerste jaar is dat we IRO's rapporteren in ons duurzaamheidsverslag, zijn er geen wijzigingen in IRO's in vergelijking met voorgaande rapporteringsperiodes. IRO-2 Openbaarmakingsvereisten in ESRS die vallen onder het duurzaamheidsverslag van Belysse Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 41 Deze Dubbele Materialiteitsmatrix geeft een overzicht van de ESG-onderwerpen die belangrijk zijn voor Belysse: De beoordeling van biodiversiteitsverlies uit de eigen operaties en waardeketen als niet-materieel is gebaseerd op de DMA door interne en externe experts, aangevuld met het gebruik van de WWF-biodiversiteitsrisicofilter. Deze gecombineerde beoordeling stelde ons in staat om inzicht te krijgen in de mate waarin we voor ons bedrijfsmodel afhankelijk zijn van het lokale ecosysteem en om te bevestigen dat geen van onze productiefaciliteiten zich in of in de buurt van biodiversiteitsgevoelige of beschermde gebieden bevindt. Materiële onderwerpen zoals de beschikbaarheid van water, de impact van Pollutie en het einde van de levensduur van producten komen al afzonderlijk aan bod in de respectievelijke secties E3 Water en mariene hulpbronnen, E2 Pollutie en E5 Gebruik van grondstoffen en circulaire economie. De materiële onderwerpen zijn: E2 Pollutie - Pollutie op onze sites E1 Klimaatverandering - Energieverbruik E2 Pollutie - Pollutie buiten onze sites E5 Gebruik van grondstoffen en circulaire economie - Materiaalefficiëntie - Materiaalkeuze & eco-design - Einde van de levensduur van producten S1 Eigen personeelsbestand - Gezondheid en veiligheid S2 Werknemers in de waardeketen - Beheer van de waardeketen S4 Consumenten en eindgebruikers - Transparantie van producten - Veiligheid van producten G1 Governance, risicobeheer & interne controle - Zakelijk gedrag - Aanpassing aan de klimaatverandering - Microplastics - Biodiversiteitsverlies door eigen operaties - Biodiversiteitsverlies door waardeketen - Levensduurverlenging van producten - Arbeidsomstandigheden - Gelijke kansen Impact materialiteit E1 Klimaatverandering - Uitstoot van broeikasgassen E3 Water en mariene hulpbronnen - Waterverbruik E5 Gebruik van grondstoffen en circulaire economie - Operationeel afval S1 Eigen personeelsbestand - Welzijn en respect Financiële materialiteit Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 42 1. Uitstoot van broeikasgassen Broeikasgasemissies, door elektriciteits- en gasverbruik in onze eigen productieprocessen, maar ook Upstream en Downstream in onze waardeketen, voornamelijk gedreven door grondstoffen, upstream- en downstreamtransport en verwerking van producten aan het einde van de levensduur 2. Waterverbruik Verbruik van grondwater, grijs water en regenwater in onze eigen productieprocessen 3. Operationeel afval Afval afkomstig van onze eigen productieprocessen 4. Welzijn en respect Bied een omgeving voor werknemers waarin hun welzijn wordt gegarandeerd en elk incident van intimidatie of misbruik wordt voorkomen 5. Beheer van de waardeketen Ervoor zorgen dat al onze leveranciers voldoen aan onze normen voor ethische, sociale en milieuprestaties 6. Energieverbruik Gas- en elektriciteitsverbruik in onze eigen productieprocessen 7. Pollutie buiten onze sites Mogelijke schadelijke stoffen in de door Belysse aangekochte grondstoffen of andere producten 8. Materiaalefficiëntie Grondstofverbruik in onze eigen productieprocessen 9. Materiaalkeuze & eco-design Ontwerp van onze producten, de impact van soorten grondstoffen die worden aangekocht, zoals gerecycleerde of hernieuwbare materialen en circulariteit om hergebruik en recyclage aan het einde van de levensduur van producten mogelijk te maken 10. Einde van de levensduur van producten Pollutie door verwerking van onze producten aan het einde van de levensduur, beheerd door het opzetten van systemen en diensten voor inzameling, hergebruik en recyclage 11. Gezondheid en veiligheid Creëren van een werkomgeving waar fysieke of mentale schade wordt voorkomen en waar de gezondheid van werknemers positief wordt bevorderd 12. Transparantie van producten Relevante, op feiten gebaseerde en geverifieerde productinformatie aan onze klanten verstrekken 13. Veiligheid van producten Ervoor zorgen dat onze producten te allen tijde veilig te gebruiken zijn voor consumenten en eindgebruikers 14. Zakelijk gedrag Risicobeheer en opportuniteiten die van invloed zijn op de bedrijfsvoering binnen onze eigen activiteiten 15. Pollutie op onze sites Elke emissie van gevaarlijke stoffen, afkomstig van onze eigen productieprocessen, naar lucht, water of bodem Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 43 Tabel met openbaarmakingsvereisten in ESRS die onder het duurzaamheidsverslag vallen Toepasselijke norm Openbaarmakingsplicht Verwijzing naar het hoofdstuk in het duurzaamheidsverslag ESRS 2 BP-1 Algemene basis voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag BP-1 Algemene basis voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag BP-2 Specifieke omstandigheden BP-2 Specifieke omstandigheden GOV-1 De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen GOV-1 De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen GOV-2 Informatie verstrekt aan en duurzaamheidskwesties behandeld door de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van de onderneming GOV-2 Informatie verstrekt aan en duurzaamheidskwesties behandeld door bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van Belysse GOV-3 Integratie van duurzaamheidsgerelateerde prestaties in beloningsregelingen GOV-3 Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen GOV-4 Verklaring over Due diligence GOV-4 Due diligence GOV-5 Risicobeheer en interne beheersing van duurzaamheidsverslaggeving GOV-5 Risicobeheer SBM-1 Strategie, businessmodel en waardeketen SBM-1 Strategie, businessmodellen en waardeketen SBM-2 Belangen en standpunten van stakeholders SBM-2 Belangen en standpunten van stakeholders SBM-3 Materiaal, impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en businessmodel SBM-3 Materiële impact, risico's en opportuniteiten IRO-1 Beschrijving van het proces om materiaal, impact, risico's en opportuniteiten te identificeren en te beoordelen IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces IRO-2 Openbaarmakingsvereisten in ESRS die onder het duurzaamheidsverslag vallen IRO-2 Openbaarmakingsvereisten in ESRS die vallen onder het duurzaamheidsverslag van Belysse E1 Klimaat- verandering E1. GOV-3 Integratie van duurzaamheids- gerelateerde prestaties in beloningsregelingen E1. GOV-3 Integratie van duurzaamheids- gerelateerde prestaties in beloningsregelingen E1. SBM-3 Materiële impact, risico's en opportuniteiten en hun interactie met strategie en businessmodel E1. SBM-3 – Materiële impact, risico's en opportuniteiten en hun interactie met strategie en businessmodel E1. IRO-1 Beschrijving van de processen voor het identificeren en beoordelen van materiële klimaat- gerelateerde impact, risico’s en opportuniteiten E1. IRO-1 – Beschrijving van de processen voor het identificeren en beoordelen van materiële klimaat- gerelateerde impact, risico’s en opportuniteiten E1-1 Transitieplan voor mitigatie van klimaatverandering E1-1 Transitieplan voor mitigatie van klimaatverandering E1-2 Beleid met betrekking tot mitigatie van en aanpassing aan klimaatverandering E1-2 Beleid E1-3 Acties en middelen in verband met het beleid inzake klimaatverandering E1-3 Acties en middelen in verband met het beleid inzake klimaatverandering E1-4 Doelstellingen met betrekking tot mitigatie van en aanpassing aan klimaatverandering E1-4 Doelstellingen E1-5 Energieverbruik en mix E1-5 Energieverbruik en mix E1-6 Bruto scope 1, 2, 3 en totale broeikasgasemissies E1-6 Bruto scope 1, 2, 3 en totale broeikasgasemissies E1-7 Projecten voor broeikasgasverwijdering en mitigatie, gefinancierd door middel van koolstofkredieten E1-7 Projecten voor broeikasgasverwijdering en mitigatie, gefinancierd door middel van koolstofkredieten E1-8 Interne koolstofbeprijzing E1-8 Interne koolstofbeprijzing E1-9 Potentiële financiële effecten van materiële fysieke en transitierisico's en potentiële klimaat- gerelateerde opportuniteiten E1-9 Potentiële financiële effecten van materiële fysieke en transitierisico's en potentiële klimaatgerelateerde opportuniteiten Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 44 Toepasselijke norm Openbaarmakingsplicht Verwijzing naar het hoofdstuk over het duurzaamheidsverslag E2 Pollutie E2. IRO-1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van materiële impact, risico’s en opportuniteiten in verband met pollutie E2. IRO-1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van materiële impact, risico’s en opportuniteiten in verband met pollutie E2-1 Beleid met betrekking tot pollutie E2-1 Beleid met betrekking tot pollutie E2-2 Acties en middelen in verband met pollutie E2-2 Actieplan E2-3 Doelstellingen met betrekking tot pollutie E2-3 Doelstellingen met betrekking tot pollutie E2-4 Pollutie van lucht en water E2-4 Pollutie van lucht en water – algemeen E2-5 Zorgwekkende en zeer zorgwekkende stoffen E2-5 Zorgwekkende en zeer zorgwekkende stoffen E2-6 Potentiële financiële effecten van materiële risico's en opportuniteiten in verband met pollutie E2-6 Potentiële financiële effecten van materiële risico's en opportuniteiten in verband met pollutie E3 Water en mariene hulpbronnen E3. IRO1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van materiële impact, risico’s en opportuniteiten in verband met water en mariene hulpbronnen E3. IRO1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van materiële impact, risico’s en opportuniteiten in verband met water en mariene grondstoffen E3-1 Beleid met betrekking tot water en mariene hulpbronnen E3-1 Beleid met betrekking tot water en mariene grondstoffen E3-2 Acties en middelen met betrekking tot water en mariene hulpbronnen E3-2 Acties en middelen met betrekking tot water en mariene grondstoffen E3-3 Doelstellingen met betrekking tot water en mariene hulpbronnen E3-3 Doelstellingen met betrekking tot water en mariene grondstoffen E3-4 Waterverbruik E3-4 Waterverbruik E3-5 Potentiële financiële effecten van impact, risico’s en opportuniteiten in verband met water en mariene hulpbronnen E3-5 Potentiële financiële effecten van impact, risico’s en opportuniteiten in verband met water en mariene grondstoffen E5 Gebruik van grond- stoffen en circulaire economie E5.IRO1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van het gebruik van grondstoffen en de impact, risico’s en opportuniteiten in verband met de circulaire economie E5.IRO-1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van het gebruik van grondstoffen en de impact, risico’s en opportuniteiten in verband met de circulaire economie E5-1 Beleid met betrekking tot het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie E5-1 Beleid met betrekking tot het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie E5-2 Acties en middelen in verband met het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie E5-2 Acties en middelen in verband met het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie E5-3 Doelstellingen met betrekking tot het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie E5-3 Doelstellingen met betrekking tot het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie E5-4 Instroom van middelen E5-4 Instroom van middelen E5-5 Uitstroom van middelen E5-5 Uitstroom van middelen E5-6 Potentiële financiële effecten van het gebruik van grondstoffen en impact, risico’s en opportuniteiten in verband met de circulaire economie E5-6 Potentiële financiële effecten van het gebruik van grondstoffen en impact, risico’s en opportuniteiten in verband met de circulaire economie S1 Eigen personeels- bestand S1-SBM2 Belangen en standpunten van stakeholders S1-SBM2 Belangen en standpunten van stakeholders S1-SBM3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel S1-SBM3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel S1-1 Beleid met betrekking tot eigen personeelsbestand S1-1 Beleid met betrekking tot het eigen personeelsbestand S1-2 Processen voor het betrekken van eigen werknemers en werknemersvertegenwoordigers bij het bespreken van impacten S1-2 Processen voor het betrekken van eigen werknemers en werknemersvertegenwoordigers bij het bespreken van impacten S1-3 Processen om negatieve impacten te verhelpen en kanalen voor eigen personeel om zorgen te uiten S1-3 Processen om negatieve effecten te verhelpen en kanalen voor eigen personeel om zorgen te uiten Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 45 Toepasselijke norm Openbaarmakingsplicht Verwijzing naar het hoofdstuk over het duurzaamheidsverslag S1 Eigen personeels- bestand (vervolg) S1-4 Actie ondernemen tegen materiële impact op het eigen personeelsbestand, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot het eigen personeelsbestand, en de effectiviteit van die acties S1-4 Actie ondernemen tegen materiële effecten op het eigen personeelsbestand, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot het eigen personeelsbestand, en de effectiviteit van die acties S1-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheren van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten S1-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheersen van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten S1-6 Kenmerken van de werknemers van de onderneming S1-6 Kenmerken van de werknemers van Belysse S1-7 Kenmerken van niet-werknemers in het eigen personeelsbestand van de onderneming S1-7 Kenmerken van niet-werknemers in het eigen personeelsbestand van Belysse S1-13 Statistieken voor training en ontwikkeling van vaardigheden S1-13 Statistieken voor training en ontwikkeling van vaardigheden S1-14 Gezondheids- en veiligheidsstatistieken S1-14 Gezondheids- en veiligheidsstatistieken S2 Werk- nemers in de waardeketen S2-SBM2 Belangen en standpunten van stakeholders S2-SBM2 Belangen en standpunten van stakeholders S2-1 Beleid met betrekking tot werknemers in de waardeketen S2-1 Beleid met betrekking tot werknemers in de waardeketen S2-2 Processen voor het betrekken van werknemers in de waardeketen bij het bespreken van impacten S2-2 Processen voor het betrekken van werknemers in de waardeketen bij het bespreken van impacten S2-3 Processen om negatieve impact te verhelpen en kanalen voor werknemers in de waardeketen om hun zorgen te uiten S2-3 Processen om negatieve impact te verhelpen en kanalen voor werknemers in de waardeketen om hun bezorgdheden te uiten S2-4 Actie ondernemen tegen materiële impact op werknemers in de waardeketen, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot werknemers in de waardeketen, en de effectiviteit van die acties S2-4 Actie ondernemen tegen materiële impact op werknemers in de waardeketen, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot werknemers in de waardeketen, en de effectiviteit van die acties S2-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheren van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten S2-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheren van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten S4 Consumenten en eind- gebruikers S4-SBM3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel S4-SBM3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel S4-1 Beleid met betrekking tot consumenten en eindgebruikers S4-1 Beleid met betrekking tot consumenten en eindgebruikers S4-2 Processen voor het betrekken van consumenten en eindgebruikers bij het bespreken van impacten S4-2 Processen voor het betrekken van consumenten en eindgebruikers bij het bespreken van impacten S4-3 Processen om negatieve impact te verhelpen en kanalen voor consumenten en eindgebruikers om zorgen te uiten S4-3 Processen om negatieve impact te verhelpen en kanalen voor consumenten en eindgebruikers om zorgen te uiten S4-4 Actie ondernemen tegen materiële impact op consumenten en eindgebruikers, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot consumenten en eindgebruikers, en de effectiviteit van die acties S4-4 Actie ondernemen tegen materiële impact op consumenten en eindgebruikers, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot consumenten en eindgebruikers, en de effectiviteit van die acties S4-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheren van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten S4-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheersen van negatieve effecten van materieel, het bevorderen van positieve effecten en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten (consumenten en eindgebruikers) Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 46 Toepasselijke norm Openbaarmakingsplicht Verwijzing naar het hoofdstuk over het duurzaamheidsverslag G1 Governance G1. GOV-1 De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen G1. GOV-1 Rol van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen G1. IRO1 Beschrijving van processen om materiële impact, risico’s en opportuniteiten te identificeren en te beoordelen G1. IRO-1 Beschrijving van processen om materiële impact, risico’s en opportuniteiten te identificeren en te beoordelen G1-1 Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur G1-1 Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur G1-2 Beheer van leveranciersrelaties G1-2 Beheer van leveranciersrelaties G1-3 Preventie en opsporing van corruptie of omkoping G1-3 Preventie en opsporing van corruptie of omkoping G1-4 Incidenten van corruptie en omkoping G1-4 Incidenten van corruptie of omkoping G1-5 Politieke invloed en lobbyactiviteiten G1-5 Politieke invloed en lobbyactiviteiten G1-6 Betalingspraktijken G1-6 Betalingspraktijken Tabel van alle datapunten die zijn afgeleid van andere EU-wetgeving SFDR: Sustainable Finance Disclosure Regulation (Verordening informatieverstrekking over duurzaamheid in de financiële sector) P3: EBA Pillar 3 disclosure requirements (Openbaarmakingsvereisten in het kader van EBA-pijler 3) CBR: Climate Benchmark Regulation (Klimaat benchmark regelgeving) EUCL: EU Climate Law (EU-klimaatwet) Toepasselijke norm Openbaarmakingsvereiste en bijbehorend datapunt Wetgeving Verwijzing naar het hoofdstuk in het duurzaamheidsverslag ESRS 2 ESRS 2 – GOV 1: Genderdiversiteit in het bestuur paragraaf 21 (d) SFDR, CBR GOV-1 De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen ESRS 2 GOV-1 : Percentage bestuursleden dat onafhankelijk is paragraaf 21 (e) CBR ESRS 2 GOV-4 : Verklaring over Due diligence paragraaf 30 SFDR GOV-4 Due diligence ESRS 2 SBM-1 : Betrokkenheid bij activiteiten in verband met fossiele brandstoffen paragraaf 40 (d) i SFDR, P3, CBR Niet van toepassing ESRS 2 SBM-1 : Betrokkenheid bij activiteiten in verband met chemische productie paragraaf 40 (d) ii SFDR, CBR Niet van toepassing ESRS 2 SBM-1 : Betrokkenheid bij activiteiten in verband met controversiële wapens paragraaf 40 (d) iii SFDR, CBR Niet van toepassing ESRS 2 SBM-1 : Betrokkenheid bij activiteiten in verband met de teelt en productie van tabak paragraaf 40 (d) iv CBR Niet van toepassing E1 Klimaat- verandering ESRS E1-1 : Transitieplan om tegen 2050 klimaatneutraliteit te bereiken Paragraaf 14 EUCL Niet van toepassing ESRS E1-1 : Ondernemingen die zijn uitgesloten van op het Akkoord van Parijs afgestemde benchmarks paragraaf 16 (g) P3, CBR E1-1 Transitieplan voor mitigatie van klimaatverandering ESRS E1-4 : Doelstellingen voor de vermindering van de broeikasgasemissies paragraaf 34 SFDR, P3, CBR E1-4 Doelstellingen ESRS E1-5 : Energieverbruik uit fossiele bronnen, uitgesplitst naar bron (alleen sectoren met een hoge klimaatimpact) paragraaf 38 SFDR E1-5 Energieverbruik en mix ESRS E1-5 Energieverbruik en mix paragraaf 37 SFDR ESRS E1-5 : Energie-intensiteit in verband met activiteiten in sectoren met een hoge klimaatimpact paragrafen 40 tot 43 SFDR Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 47 Toepasselijke norm Openbaarmakingsvereiste en bijbehorend datapunt Wetgeving Verwijzing naar het hoofdstuk in het duurzaamheidsverslag E1 Klimaat- verandering (vervolg) ESRS E1-6 : Bruto scope 1, 2, 3 en totale broeikasgasemissies paragraaf 44 SFDR, P3, CBR E1-6 Bruto scope 1, 2, 3 en totale broeikasgasemissies ESRS E1-6 : Intensiteit van de bruto broeikasgasemissies paragrafen 53 tot 55 SFDR, P3, CBR ESRS E1-7 : Projecten voor broeikasgasverwijdering en mitigatie, gefinancierd door middel van koolstofkredieten paragraaf 56 EUCL E1-7 Projecten voor broeikasgasverwijdering en mitigatie, gefinancierd door middel van koolstofkredieten ESRS E1-9 : Blootstelling van de benchmarkportefeuille aan klimaat- gerelateerde fysieke risico's paragraaf 66 CBR Niet materieel ESRS E1-9 : Uitsplitsing van geldbedragen naar acuut en chronisch fysiek risico, paragraaf 66, (a) ESRS E1-9 : Locatie van belangrijke activa met materieel fysiek risico paragraaf 66 (c) P3 Niet materieel ESRS E1-9 : Uitsplitsing van de boekwaarde van haar vastgoedactiva naar energie-efficiëntieklassen paragraaf 67 (c) P3 Niet materieel ESRS E1-9 : Mate van blootstelling van de portefeuille aan klimaat- gerelateerde opportuniteiten paragraaf 69 CBR Niet materieel E2 Pollutie ESRS E2-4 : Hoeveelheid van elke in bijlage II van de E-PRTR- verordening opgenomen verontreinigende stof die in lucht, water en bodem wordt uitgestoten paragraaf 28 SFDR E2-4 Pollutie van lucht en water – algemeen E3 Water en mariene hulpbronnen ESRS E3-1 : Beleid inzake water en mariene hulpbronnen paragraaf 9 SFDR E3-1 Beleid met betrekking tot water en mariene grondstoffen ESRS E3-1 : Specifiek beleid (voor locaties in gebieden met veel stress) paragraaf 13 SFDR ESRS E3-1 : Duurzame oceanen en zeeën paragraaf 14 SFDR Niet materieel ESRS E3-4 : Totale hoeveelheid gerecycleerd en hergebruikt water paragraaf 28 (c) SFDR E3-4 Waterverbruik ESRS E3-4 : Totaal waterverbruik in m³ per netto-omzet uit eigen activiteiten paragraaf 29 SFDR E4 Biodiversiteit ESRS 2- SBM3 - E4 : Lijst van sites waar de activiteiten gevolgen hebben voor de kwetsbare biodiversiteit paragraaf 16 (a) SFDR Niet materieel ESRS 2- SBM3 - E4 : Geïdentificeerde negatieve effecten van materialen op bodemdegradatie, woestijnvorming en bodemafdekking paragraaf 16 (b) SFDR Niet materieel ESRS 2- SBM3 - E4 : Acties die van invloed zijn op bedreigde soorten paragraaf 16 (c) SFDR Niet materieel ESRS E4-2 : Duurzame grond/landbouwpraktijken of -beleid paragraaf 24 (b) SFDR Niet materieel ESRS E4-2 : Praktijken of beleid op het gebied van duurzame oceanen / zeeën paragraaf 24 (c) SFDR Niet materieel ESRS E4-2 : Beleid om ontbossing aan te pakken paragraaf 24 (d) SFDR Niet materieel E5 Gebruik van grondstoffen en circulaire economie ESRS E5-5 : Niet-gerecycleerd afval paragraaf 37 (d) SFDR E5-5 Uitstroom van middelen ESRS E5-5 : Gevaarlijke afvalstoffen en radioactieve afvalstoffen paragraaf 39 SFDR Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 48 Toepasselijke norm Openbaarmakingsvereiste en bijbehorend datapunt Wetgeving Verwijzing naar het hoofdstuk in het duurzaamheidsverslag S1 Eigen personeelsbestand ESRS 2- SBM3 - S1: Risico op gevallen van dwangarbeid paragraaf 14 (f) SFDR Niet materieel ESRS 2- SBM3 - S1 Risico op gevallen van kinderarbeid paragraaf 14 (g) SFDR Niet materieel ESRS S1-1 : Verbintenissen op het gebied van het mensenrechtenbeleid paragraaf 20 SFDR S1-1 Beleid met betrekking tot het eigen personeelsbestand ESRS S1-1 : Beleid inzake Due diligence met betrekking tot kwesties die aan de orde komen in de fundamentele Verdragen 1 tot en met 8 van de Internationale Arbeidsorganisatie paragraaf 21 CBR ESRS S1-1 : Processen en maatregelen ter voorkoming van mensenhandel paragraaf 22 SFDR Niet materieel ESRS S1-1 : Beleid of managementsysteem voor de preventie van ongevallen op de werkplek paragraaf 23 SFDR S1-1 Beleid met betrekking tot het eigen personeelsbestand ESRS S1-3 : Mechanismen voor de behandeling van klachten paragraaf 32 (c) SFDR S1-3 Processen om negatieve effecten te verhelpen en kanalen voor eigen personeel om zorgen te uiten ESRS S1-14 : Aantal dodelijke slachtoffers en aantal en percentage werkgerelateerde ongevallen paragraaf 88 (b) en (c) SFDR, CBR S1-14 Gezondheids- en veiligheidsstatistieken ESRS S1-14 : Aantal verloren dagen door verwondingen, ongevallen, dodelijke slachtoffers of ziekte paragraaf 88 (e) SFDR ESRS S1-16 : Niet-gecorrigeerde loonkloof tussen mannen en vrouwen paragraaf 97 (a) SFDR, CBR Niet materieel ESRS S1-16 : Buitensporige beloningsverhouding van de CEO paragraaf 97 (b) SFDR Niet materieel ESRS S1-17 : Gevallen van discriminatie paragraaf 103 (a) SFDR Niet materieel ESRS S1-17 : Niet-naleving van de UNGP's inzake bedrijfsleven en mensenrechten en de OESO paragraaf 104 (a) SFDR, CBR Niet materieel S2 Werknemers in de waardeketen ESRS 2- SBM3 – S2 : Aanzienlijk risico op kinderarbeid of dwangarbeid in de waardeketen paragraaf 11 (b) SFDR Niet materieel ESRS S2-1 : Verbintenissen op het gebied van het mensenrechtenbeleid paragraph 17 SFDR S2-1 Beleid met betrekking tot werknemers in de waardeketen ESRS S2-1 : Beleid met betrekking tot werknemers in de waardeketen paragraaf 18 SFDR ESRS S2-1 : Niet-naleving van de UNGP's inzake de beginselen van bedrijfsleven en mensenrechten en de OESO-richtlijnen paragraaf 19 SFDR, CBR Niet materieel ESRS S2-1 : Zorgvuldigheidsbeleid met betrekking tot kwesties die aan de orde komen in de fundamentele Verdragen 1 tot en met 8 van de Internationale Arbeidsorganisatie paragraaf 19 CBR Niet materieel ESRS S2-4 : Mensenrechtenkwesties en incidenten in verband met de upstream- en downstreamwaardeketen paragraaf 36 SFDR Niet materieel Algemene informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 49 Toepasselijke norm Openbaarmakingsvereiste en bijbehorend datapunt Wetgeving Verwijzing naar het hoofdstuk in het duurzaamheidsverslag S3 Getroffen gemeenschappen ESRS S3-1 Verplichtingen in het mensenrechtenbeleid paragraaf 16 SFDR Niet materieel ESRS S3-1 niet-naleving van UNGP's over bedrijfsleven en mensenrechten, ILO-beginselen of OESO-richtlijnen paragraaf 17 SFDR, CBR Niet materieel ESRS S3-4 Mensenrechtenkwesties en incidenten paragraaf 36 SFDR Niet materieel S4 Consumenten en eindgebruikers ESRS S4-1 Beleid met betrekking tot consumenten en eindgebruikers paragraaf 16 SFDR S4-1 Beleid met betrekking tot consumenten en eindgebruikers ESRS S4-1 Niet-naleving van de UNGP's inzake bedrijfsleven en mensenrechten en de OESO-richtlijnen paragraaf 17 SFDR, CBR Niet materieel ESRS S4-4 Mensenrechtenkwesties en incidenten paragraaf 35 SFDR Niet materieel G1 Governance ESRS G1-1 Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie paragraaf 10 (b) SFDR G1-1 Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur ESRS G1-1 Bescherming van klokkenluiders paragraaf 10 (d) SFDR ESRS G1-4 Boetes voor overtreding van anticorruptie- en anti- omkopingswetten paragraaf 24 (a) SFDR, CBR G1-4 Incidenten van corruptie of omkoping ESRS G1-4 Normen voor de bestrijding van corruptie en omkoping paragraaf 24 (b) SFDR Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 50 E1 - Klimaatverandering E1. GOV-3 Integratie van duurzaamheidsgerelateerde prestaties in beloningsregelingen Prestaties op het gebied van duurzaamheid zijn tot nu toe niet structureel geïntegreerd in de beloningsregelingen van de Raad van Bestuur of management. Specifieke leden van het managementteam hadden wel duurzaamheidsgerelateerde doelstellingen of de oplevering van duurzaamheidsgerelateerde projecten als onderdeel van hun variabele beloningsdoelstellingen voor 2024. Zie sectie GOV-3 'Integratie van duurzaamheidsprestaties in incentiveplannen' voor meer informatie. E1. SBM-3 – Materiële impact, risico's en opportuniteiten en hun interactie met strategie en businessmodel Materiële risico's en opportuniteiten Soort risico (transitie of fysiek of energie gerelateerd) Scope (up/downstream/ eigen activiteiten) Tijdshorizon Mogelijkheid om marktaandeel te winnen dankzij onze SBTi verbintenis, aangezien dit een vereiste is van sommige grotere klanten Transitie Downstream 1 – 5 jaar Risico van extra investeringskosten in infrastructuur om het energieverbruik van Belysse te verminderen en/of hogere kosten om koolstofemissierechten te kopen Transitie Eigen operaties 1 – 5 jaar Materiële effecten Type impact (transitie of fysiek of energiegerelateerd) Scope (up/downstream/ eigen activiteiten) Tijdshorizon Emissie van broeikasgassen door energie- verbruik in de fabrieken Transitie Eigen operaties Actuele impact Emissie van broeikasgassen door de winning en productie van grondstoffen Transitie Upstream Actuele impact Emissie van broeikasgassen door de verwerking van de producten van Belysse aan het einde van de levensduur Transitie Downstream Actuele impact Emissie van broeikasgassen uit de up- en downstream supply chain (transport van grondstoffen en eindproducten) Transitie Upstream, Downstream Actuele impact Potentiële positieve impact door de perceptie van klanten van Belysse’s SBTi verbintenis Transitie Downstream 1 – 5 jaar Uitputting van fossiele brandstoffen om aan de energievraag van Belysse te voldoen Transitie Eigen operaties Actuele impact Uitputting van fossiele brandstoffen om aan de grondstoffenvraag van Belysse te voldoen Transitie Upstream Actuele impact E1. IRO-1 – Beschrijving van de processen voor het identificeren en beoordelen van materiële klimaatgerelateerde impact, risico’s en opportuniteiten Zie sectie IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces voor ons algemene proces om materiële impact, risico’s en opportuniteiten te identificeren. Specifiek voor de uitstoot van broeikasgassen werd ons proces geïnformeerd door onze CO 2 -voetafdruk voor het geheel van Scope 1, 2 en 3 zoals ontwikkeld in de context van SBTi. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 51 Hoewel er geen formele analyse van de klimaatbestendigheid is uitgevoerd, werden tijdens onze dubbele materialiteitsanalyse fysieke klimaatimpacten en -risico’s op dit moment niet materieel geacht, op basis van een combinatie van verschillende externe bronnen en inzichten van experts die hieronder worden beschreven - doorgaans op basis van scenario's met een gemiddeld tot hoog broeikasgas-emissieniveau (bv. RCP 4.5 of 6.0). Belysse verwacht dan ook niet dat er op middellange termijn een meer uitgebreide, formele klimaatbestendigheids- en scenarioanalyse zal worden uitgevoerd. • De Global Adaptation Initiative Country Index van de University of Notre Dame, die de kwetsbaarheid en paraatheid van 193 landen ten aanzien van klimaatverstoringen beoordeelt. Zowel de Verenigde Staten als België worden gerangschikt als lage kwetsbaarheid en hoge paraatheid; de meest relevante risicogebieden voor Belysse, water en infrastructuur, zijn voor beide landen geclassificeerd als "lage kwetsbaarheid". • Om de potentiële impact van een toename van het overstromingsgevaar en, voor België, toenemende impact door stijging van de zeespiegel, verder te evalueren, hebben we gebruik gemaakt van de WWF-risicofiltertool, de waterkaart voor Vlaanderen (kaart van overstromingsgevoelige gebieden) die een risico van slechts beperkte overstromingen op beide Belgische locaties vaststelt, en de Los Angeles County Public Works Flood Zone Determination om vast te stellen dat onze Bentley Mills-fabriek zich in een gebied met een matig tot laag overstromingsgevaar bevindt, wat betekent dat er slechts een verminderd risico is op overstroming (bepaald als minder dan 0,2% kans per jaar). • We vulden dit aan met desktoponderzoek naar de mogelijke impact van klimaatverandering op de beschikbaarheid van belangrijke grondstoffen voor onze productieprocessen, meer specifiek CaCO 3 . Alle CaCO 3 die door Belysse wordt aangekocht, is afkomstig van continentale mijnbouw, waar experts geen risico zien op een onderbroken aanvoer als gevolg van klimaatverandering, zoals ze zien voor CaCO 3 ontgonnen uit mariene bronnen. • Als onderdeel van de leveranciersvragenlijst die we tijdens de dubbele materialiteitsanalyse met onze belangrijkste leveranciers hebben gedeeld, geeft 67% van de leveranciers aan dat ze een impact van klimaatverandering op hun productieproces verwachten, maar ze geven allemaal aan dat ze verwachten dat deze impact beheersbaar zal zijn. 61% van de leveranciers verwacht ook een impact van klimaatverandering op de beschikbaarheid van grondstoffen, maar geeft aan dat ook deze impact beheersbaar zal zijn. Geen van de respondenten verwacht dat klimaatverandering een significante impact zal hebben op hun productieprocessen of zal leiden tot schaarste van belangrijke grondstoffen. De risico's en opportuniteiten gerelateerd aan klimaattransitie op korte en middellange termijn worden afgedekt door de respectievelijke materiële risico's en impacten die zijn geïdentificeerd via onze dubbele materialiteitsanalyse in de verschillende ESRS-omgevingsthema's. Onze DMA identificeerde op dit moment geen materiële risico's en opportuniteiten op de lange termijn die aanzienlijk zouden verschillen van de geïdentificeerde risico's en opportuniteiten op de middellange termijn. Onze aanpak om klimaatgerelateerde transitierisico's te beoordelen en te beheren, houdt rekening met evoluerende regelgevingsvereisten, evoluties in de markt die verband houden met de wereldwijde verschuiving naar een koolstofarme economie en technologische ontwikkelingen: • E1 Klimaatverandering: Opportuniteit om marktaandeel te winnen dankzij onze SBTi verbintenis en de potentiële positieve impact door de perceptie van klanten van Belysse’s SBTi verbintenis, Uitputting van fossiele brandstoffen om aan de energievraag van Belysse te voldoen, Uitputting van fossiele brandstoffen om aan de vraag naar grondstoffen van Belysse te voldoen, Risico van extra investeringskosten in infrastructuur om het energieverbruik van Belysse te verminderen en/of hogere kosten om koolstofemissierechten te kopen. • E2 Pollutie: Risico dat strengere uitstootlimieten voor emissies naar lucht en water investeringen in nieuwe infrastructuur of innovatieve technologieën vereisen om onze exploitatievergunning te behouden. • E3 Water & mariene hulpbronnen: Uitputting van grondwater voor gebruik in de productieprocessen in Tielt, Potentiële impact van verhoogde waterschaarste in de regio rond de fabriek in Tielt door het hoge waterverbruik in de omgeving. • E5 Gebruik van grondstoffen en circulaire economie: Potentiële aanzienlijke stijgingen van de grondstofkosten als gevolg van uitputting van fossiele bronnen in de loop van de tijd, Risico op verlies van marktaandeel als Belysse niet in staat is om voldoende grondstoffen met gerecycleerde of hernieuwbare inhoud te betrekken tegen een economisch haalbare prijs als gevolg van beperkte beschikbaarheid op de markt, Opportuniteit door de voorkeur van klanten voor producten met een lage koolstofvoetafdruk, Impact van verbranding van tapijten en tapijttegels aan het einde van de levensduur en storten, wat in sommige verkoopregio's nog steeds is toegestaan. Met betrekking tot activa of bedrijfsactiviteiten die onverenigbaar zijn of aanzienlijke inspanningen zouden vergen om verenigbaar te zijn met een transitie naar een klimaatneutrale economie, zullen de inzichten van Belysse op dit gebied blijven evolueren. Onze BEYOND en SBTi doelstellingen om de broeikasgasemissies van onze eigen activiteiten en waardeketen aanzienlijk te verminderen, de acties die in voorgaande jaren al zijn ondernomen om deze ambities te verwezenlijken, evenals toekomstige acties, zijn belangrijke stappen in deze overgang op korte en middellange termijn en tonen duidelijk ons engagement om ervoor te zorgen dat onze activiteiten verenigbaar zijn met de beperking van de opwarming van de aarde tot 1,5°C in overeenstemming met het Akkoord van Parijs. Daarnaast zijn er afhankelijkheden van factoren die niet of slechts gedeeltelijk onder onze directe invloed staan, zoals evoluties in de voorkeur van klanten of eindconsumenten voor duurzamere producten, opkomende groenere technologieën, regelgeving die duurzaamheid mogelijk maakt. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 52 E1-1 Transitieplan voor mitigatie van klimaatverandering Belysse heeft haar hoofdkantoor in Europa en productievestigingen in België en de VS. Twee van onze drie fabrieken vallen onder het EU-beleid en het bijbehorende actieplan voor duurzame financiering. De Europese Green Deal heeft als doel om Europa tegen 2050 klimaatneutraal te maken. Belysse staat volledig achter die doelstelling en de shift van een lineaire naar een circulaire economie en is zich volledig bewust van haar verantwoordelijkheden in deze transitie. Bij de screening van onze activa en activiteiten hebben we een 2-stappenaanpak gevolgd, waarbij we ons in 2018 eerst hebben gericht op de Scope 1 en 2 emissies van onze activiteiten, aangezien deze activiteiten onder onze directe controle vallen; deze focus werd in de loop van 2024 verder uitgebreid met de volledige Scope 1, 2 en 3 emissies van alle activiteiten van Belysse wereldwijd, inclusief de upstream- en downstream-waardeketen, als onderdeel van onze SBTi baselining oefening die in dit hoofdstuk verder wordt beschreven. Het kader dat wordt gebruikt om onze baseline voor broeikasgasemissies te bepalen, is de GHG Protocol Corporate Accounting and Reporting Standard. Er is momenteel geen sectorspecifiek decarbonisatie-traject voor onze industrie. Een van de belangrijkste strategische pijlers in ons BEYOND-programma - onze 4-jarige roadmap voor transformatie die in januari 2022 van start is gegaan - is een grotere focus op duurzaamheid door middel van innovatieve producten en productieprocessen, waaronder specifieke plannen en doelstellingen voor het beperken van klimaatverandering. In het BEYOND-programma hebben we als doel gesteld om de CO 2 -intensiteit van onze activiteiten (Scope 1 en 2) tegen 2030 met 30% te verminderen, ten opzichte van een 2018 baseline, met een tussentijdse mijlpaal in 2025 om tegen die tijd een vermindering in intensiteit van 28% te bereiken. kg CO 2 /m² Baseline 2018 Doel 2025 Doel 2030 1,18 -28% -30% Acties die al zijn ondernomen om onze scope 1 en 2 emissie-intensiteit (kg CO 2 -equivalent per geproduceerde m²) te verminderen: • De verbeteringsmaatregelen die in de periode 2018-2024 werden doorgevoerd, waren voornamelijk gericht op het verminderen van ons elektriciteits- en gasverbruik, naast de elektrificatie van productieapparatuur: deze gecombineerde acties resulteerden in een verbetering van de CO 2 -intensiteit met -16% op Belysse-niveau • Gedeeltelijk groene stroom betrekken in onze productiesite in Tielt: -7% in 2024 t.o.v. 2023 Verdere maatregelen om na 2024 te verbeteren (% verbetering uitgedrukt ten opzichte van de CO 2 -intensiteit van 2024): • Verder aankopen van groene stroom in onze productiesite in Tielt: -19% CO 2 -intensiteit op Belysse niveau. • Onze meest energie-intensieve productieprocessen aanpassen aan alternatieve technologieën: -18%. De technische haalbaarheid van de benodigde technologieën is onderzocht en bevestigd. De bijbehorende CAPEX-investeringen, financiële haalbaarheid en mogelijke implementatietijdlijn zijn in ontwikkeling. Deze gecombineerde acties zouden resulteren in een verbetering van de CO 2 -intensiteit met 40% voor onze productievestigingen ten opzichte van 2023 of 50% ten opzichte van 2018, ten opzichte van de BEYOND-doelstelling van 30% die we tegen 2030 willen bereiken. De bovenstaande doelstellingen waren nog niet in lijn met het beperken van de opwarming van de aarde tot 1,5°C in overeenstemming met het Akkoord van Parijs. Belysse heeft zich echter geëngageerd tot SBTi en heeft in de loop van 2024 SBTi-doelstellingen voor 2030 ingediend die in lijn zijn met het Akkoord van Parijs; deze doelstellingen werden begin 2025 door SBTi gevalideerd: • Onze absolute scope 1 en 2 broeikasgasemissies tegen 2030 met 42% te verminderen, ten opzichte van het baseline jaar 2023 • Onze absolute scope 3 broeikasgasemissies van ingekochte goederen & diensten en upstream transport & distributie met 25% te verminderen binnen hetzelfde tijdsbestek Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 53 Voor Scope 3 hebben we in de loop van 2024 onze baseline voor 2023 bepaald, als onderdeel van de SBTi-verbintenis van Belysse. Vervolgens zullen verdere transitieplannen worden ontwikkeld, naast onze lopende acties en doelstelling om het gebruik van gerecycleerde of biobased grondstoffen te vergroten. Belysse is niet uitgesloten van de EU-benchmarks die afgestemd zijn op het Akkoord van Parijs, zoals gedefinieerd in artikel 12 "Uitsluitingen voor op het Akkoord van Parijs afgestemde EU-benchmarks" in de EU-verordening inzake klimaattransitiebenchmarks. Belysse is nog steeds bezig met het ontwikkelen van haar inzicht in de potentiële locked-in (ingesloten) broeikasgasemissies van belangrijke activa of producten. Het bedrijf is actief op zoek naar duurzamere product- en productieprocesinnovaties, waaronder een focus op het aanpassen van onze meest energie-intensieve productieprocessen met behulp van alternatieve technologieën, evenals onderzoek om de ecologische voetafdruk van onze producten tijdens hun levenscyclus verder te verkleinen. Er zijn ook geen recente investeringen gedaan in koolstofintensieve technologieën, maar eerder in mogelijkheden om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Er zijn geen locked-in broeikasgasemissies door het gebruik van onze producten, zoals verder uiteengezet in sectie E1-6 Bruto-scopes 1, 2, 3 en totale broeikasgasemissies. Verdere reductie van locked-in-emissies zal ook afhangen van evoluties in de voorkeur van klanten voor duurzamere producten en de balans tussen kosten, baten en impact. Het transitieplan ligt volledig in lijn met de ambitie van Belysse om zich te focussen op markten in het midden- tot hoge segment waar de vraag van klanten naar innovatieve producten met een lage koolstofvoetafdruk groter is. Alle investeringen die nodig zijn om deze transitie mogelijk te maken, maken deel uit van de financiële planning van het bedrijf. In het geval van innovatieve producten die zich richten op nieuwe marktsegmenten of investeringen die het energieverbruik verminderen, zullen deze direct positief bijdragen aan de financiële resultaten. De BEYOND doelstellingen voor de verbetering van de CO 2 -intensiteit en de SBTi-doelstellingen zijn goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De voortgang ten opzichte van deze doelstellingen voor intensiteitsverbetering wordt ten minste drie keer per jaar besproken op de Raad van Bestuur en in het ESG-comité; de voortgang ten opzichte van de SBTi-doelstellingen zal ten minste jaarlijks worden besproken op de Raad van Bestuur en in het ESG-comité. Een breed scala aan verbeteringsinitiatieven om de Scope 1- en 2-emissie-intensiteit te verminderen, is al geïmplementeerd: • Veranderingen in de operationele manier van werken, zoals een lagere loopsnelheid op onze garen cablage machines om het elektriciteitsverbruik te verminderen met behoud van arbeidsefficiëntie • Technische aanpassingen aan productieapparatuur en onze persluchtnetten, resulterend in een lager gasverbruik • Elektrificatie van heftrucks • Elektrificatie van stoomketels • Gedeeltelijk groene stroom aankopen in onze productiesite in Tielt. In onze productiesites in Los Angeles en Zele kopen we al volledig groene stroom en zowel Tielt als Zele gebruiken zonne-energie van zonnepanelen die op het dak van de sites zijn geïnstalleerd • Lancering van nieuwe commerciële kamerbrede collecties met een hoger aandeel solution dyed (in de massa geverfde) garens, wat resulteert in een lager gas- (en water)verbruik Dit heeft ons in staat gesteld om onze Scope 1 & 2 emissie-intensiteit met -22% te verminderen in vergelijking met het basisjaar 2018. Er zijn ook maatregelen genomen om de Scope 3-emissies van Belysse te verminderen, al voordat de SBTi-baseline werd gedefinieerd, door: • toenemend gebruik van gerecycleerde materialen • lanceren van lichtere backing-opties die zich vertalen in een lager grondstoffenverbruik en een lagere CO 2 -uitstoot tijdens het transport van onze eindproducten • introduceren van onze eerste collecties met biobased materialen • verhogen van de interne recyclage van productieafval in onze fabriek in Zele, wat uiteindelijk leidt tot een lager grondstoffenverbruik per geproduceerde m² • onze Take Back-service in Europa die onze klanten een eenvoudige en efficiënte manier biedt om oude tapijttegels opnieuw te gebruiken of te recycleren en er waardevolle grondstoffen van te maken • ons Fulfill carpet reclamation program (programma voor de terugwinning van tapijt) in de VS om onze klanten de best beschikbare afvoeroptie te bieden, met als doel oud tapijtmateriaal opnieuw te gebruiken of te recycleren, en te voorkomen dat het op stortplaatsen terechtkomt Rapportering van de EU-taxonomieverordening De taxonomieverordening is een belangrijk onderdeel van het actieplan van de Europese Commissie om kapitaalstromen te sturen in de richting van een duurzamere economie. Dit is een belangrijke stap in de richting van het bereiken van koolstofneutraliteit tegen 2050, in overeenstemming met de EU-doelstellingen, aangezien de taxonomie een classificatiesysteem is voor ecologisch duurzame economische activiteiten. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 54 Op grond van artikel 8(2) van Verordening (EU) 2020/852 moeten niet-financiële ondernemingen informatie openbaar maken over de kernprestatie-indicatoren (KPI's) die betrekking hebben op het aandeel in hun omzet van ecologisch duurzame economische activiteiten ("op de Taxonomie afgestemde activiteiten") en het aandeel van hun kapitaaluitgaven en hun operationele uitgaven dat verband houdt met activa of processen die verband houden met ecologisch duurzame economische activiteiten. Zoals aangegeven in de Gedelegeerde Verordening van (EU) 2021/2178 zijn niet-financiële ondernemingen verplicht om informatie te verstrekken over het aandeel van de voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten in hun totale omzet, kapitaaluitgaven en operationele uitgaven en de kwalitatieve informatie voor het verslagjaar, met inbegrip van vergelijkende cijfers. Methodologie Belysse heeft geen activiteiten op het gebied van gas of kernenergie, zoals gedefinieerd in de volgende tabel: Nucleaire en fossiele gasgerelateerde activiteiten Ja / Nee Nucleaire energie gerelateerde activiteiten De onderneming verricht, financiert of heeft blootstelling aan onderzoek, ontwikkeling, demonstratie en inzet van innovatieve elektriciteitsopwekkingsinstallaties die energie produceren uit nucleaire processen met minimale afvalproductie tijdens de splijtstofcyclus. Nee De onderneming verricht, financiert of heeft blootstelling aan de bouw en veilige exploitatie van nieuwe nucleaire installaties voor de productie van elektriciteit of proceswarmte, inclusief voor stadsverwarming of industriële processen zoals waterstofproductie, evenals de bijbehorende veiligheidsverbeteringen, met gebruik van de best beschikbare technologieën. Nee De onderneming voert bestaande nucleaire installaties die elektriciteit of proceswarmte produceren uit, financiert of heeft blootstellingen aan de veilige exploitatie ervan, onder meer met het oog op stadsverwarming of industriële processen zoals de productie van waterstof uit kernenergie, alsook de verbetering van de veiligheid daarvan. Nee Fossiele gasgerelateerde activiteiten De onderneming verricht, financiert of heeft blootstelling aan de bouw of exploitatie van elektriciteitsopwekkings-installaties die elektriciteit produceren uit fossiele gasvormige brandstoffen. Nee De onderneming verricht, financiert of heeft blootstelling aan de bouw, renovatie en exploitatie van gecombineerde warmte-/koel- en elektriciteitsopwekkingsinstallaties uit fossiele gasvormige brandstoffen. Nee De onderneming verricht, financiert of heeft blootstelling aan de bouw, renovatie en exploitatie van warmte-opwekkingsinstallaties die warmte/koeling produceren uit fossiele gasvormige brandstoffen. Nee We hebben zorgvuldig onderzocht of de activiteiten van Belysse (NACE 13.93) binnen het toepassingsgebied van de Gedelegeerde Verordening van de EU-taxonomie vallen. Geen van onze activiteiten wordt beschreven in de lijst van "voor taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten". Om deze reden bevestigen we dat ze niet in aanmerking komen voor de Taxonomie en dat Belysse daarom 0% in aanmerking komt. De in aanmerking komende economische activiteiten van de Gedelegeerde Verordening Milieubescherming beschrijven "Inzameling en vervoer van ongevaarlijke en gevaarlijke afvalstoffen". Belysse heeft een vergunning om een dergelijke activiteit uit te voeren, maar deze is niet significant, is tijdens het verslagjaar niet uitgevoerd en er is geen bijbehorende commerciële activiteit of inkomstenstroom. Daarom wordt deze activiteit ook als niet in aanmerking komend beschouwd. De omzetnoemer is de totale netto-omzet van Belysse, ontleend aan de jaarrekening, sectie 1. 'Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode eindigend op 31 december': Omzet Ten slotte zijn alle specifieke operationele en kapitaaluitgaven tijdens het verslagjaar met betrekking tot de zes klimaat- en milieuthema's in het EU-taxonomiekompas (mitigatie van klimaatverandering, aanpassing aan klimaatverandering, duurzaam gebruik en bescherming van water en mariene hulpbronnen, overgang naar een circulaire economie, preventie en bestrijding van verontreiniging, bescherming en herstel van biodiversiteit en ecosystemen) geëvalueerd of ze in aanmerking komen voor de Taxonomie, gescreend op basis van de technische screeningcriteria onder Substantiële bijdrage, DNSH (doen geen ernstige afbreuk) en de Minimum garanties. De noemer voor operationele uitgaven bestaat uit directe niet-gekapitaliseerde kosten die werden gemaakt om de lopende operationele kosten van het bedrijf te dekken. Deze omvatten uitgaven zoals niet-gekapitaliseerd onderzoek en ontwikkeling, kortlopende en laagwaardige leases, onderhoud en herstellingen, en alle andere directe uitgaven die verband houden met het dagelijkse onderhoud van vaste activa (d.w.z. materiële vaste activa en immateriële activa) Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 55 Aangezien er in het verslagjaar geen specifieke materiële operationele uitgaven waren die verband houden met één van de materiële ESG-onderwerpen die in deze duurzaamheidsverklaring worden vermeld, rapporteert Belysse 0% in aanmerking komende operationele uitgaven. De noemer voor kapitaaluitgaven is de som van ‘Aankopen en verkopen van materiële vaste activa' en ‘Aankopen van immateriële vaste activa', overgenomen uit de jaarrekening, sectie 3. Geconsolideerd kasstroomoverzicht voor de periode afgesloten op 31 december. De enige materiële kapitaaluitgaven die in aanmerking komen, worden gerapporteerd in sectie E1-3 Acties en middelen met betrekking tot het klimaatveranderingsbeleid, aangezien er in het verslagjaar geen materiële specifieke kapitaaluitgaven besteed zijn aan de vijf andere klimaat- en milieuthema's, zoals uiteengezet in de overeenkomstige paragrafen van deze duurzaamheidsverklaring. Omzet Substantiële bijdrage criteria ‘Doen geen ernstige afbreuk’ criteria Economische activit eiten Codes Omzet 2024 Proportie omzet 2024 Mitigatie van klimaatverandering Aanpassing aan klimaatverandering Water Pollutie Circulaire economie Biodiversiteit Mitigatie van klimaatverandering Aanpassing aan klimaatverandering Water Pollutie Circulaire economie Biodiversiteit Minimum garanties Aandeel van op taxonomie afgestemde of ervoor in aanmerking komende omzet Categorie faciliterende activit eit Categorie transitie- ondersteunende activiteit m€ % Ja; Nee; N/EL (komt niet in aanmerking) Ja / Nee % E T A. Voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten - - 0% 0% A1. Op de taxonomie a fgestemde activiteiten - - 0% 0% waarvan faciliterende - - 0% 0% waarvan transitie - ondersteunend - - 0% 0% A2. Niet op de taxonomie a fgestemde activiteiten - - 0% 0% B. Niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten - 280.4 100% 0% 0% 0% 0% 0% 0% - - - - - - - 100% 0% 0% Totaal (A+B) - 280.4 100% Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 56 Operationele uitgaven Substantiële bijdrage criteria ‘Doen geen ernstige afbreuk’ criteria Economische activit eiten Codes Operationele uitgaven 2024 Proportie operationele uitgaven 2024 Mitigatie van klimaatverandering Aanpassing aan klimaatverandering Water Pollutie Circulaire economie Biodiversiteit Mitigatie van klimaatverandering Aanpassing aan klimaatverandering Water Pollutie Circulaire economie Biodiversiteit Minimum garanties Aandeel van op taxonomie afgestemde of ervoor in aanmerking komende operationele uitgaven 2023 Categorie faciliterende activiteit Categorie transitie-ondersteunende activit eit m€ % Ja; Nee; N/EL (komt niet in aanmerking) Ja / Nee % E T A. Voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten - - 0% 0% A1. Op de taxonomie a fgestemde activiteiten - - 0% 0% waarvan faciliterende - - 0% 0% waarvan transitie- ondersteunend - - 0% 0% A2. Niet op de taxonomie a fgestemde activiteiten - - 0% 0% B. Niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten - 4.1 100% 0% 0% 0% 0% 0% 0% - - - - - - - 100% 0% 0% Totaal (A+B) - 4.1 100% Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 57 Kapitaaluitgaven Substantiële bijdrage criteria ‘Doen geen ernstige afbreuk’ criteria Economische activit eiten Codes Kapitaaluitgaven 2024 Proportie kapitaaluitgaven 2024 Mitigatie van klimaatverandering Aanpassing aan klimaatverandering Water Pollutie Circulaire economie Biodiversiteit Mitigatie van klimaatverandering Aanpassing aan klimaatverandering Water Pollutie Circulaire economie Biodiversiteit Minimum garanties Aandeel van op taxonomie afgestemde of ervoor in aanmerking komende kapitaaluitgaven 2023 Categorie faciliterende activiteit Categorie transitie-ondersteunende activiteit m€ % Ja; Nee; N/EL (komt niet in aanmerking) Ja / Nee % E T A. Voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten - 0.56 3.5% A1. Op de taxonomie a fgestemde activiteiten - - 0% waarvan faciliterende - - 0% 0% waarvan transitie - ondersteunend - - 0% 0% A2. Niet op de taxonomie a fgestemde activiteiten - 0.56 3.5% Installati e, onderhoud en herstelling van energ ie effici ëntie apparatuur CCM 7.3 0.53 3.3% Y N/EL N/EL N/EL N/EL N/EL 0% Installatie, onderhoud en herstelling van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen die aan gebouwen zijn verbonden) CCM 7.4 0.03 0.2% Y N/EL N/EL N/EL N/EL N/EL 0% B. Niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten - 15.31 96.5% 0% 0% 0% 0% 0% 0% - - - - - - - 0% 0% 0% Totaal (A+B) - 15.87 100% Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 58 E1-2 Beleid De eerste beleidsmaatregel van Belysse om klimaatverandering tegen te gaan, is geaxeerd op onze BEYOND-doelstelling om de emissie-intensiteit van scope 1 en 2 tegen 2030 met 30% te verminderen ten opzichte van een baseline in 2018. Deze beleidsmaatregel is goedgekeurd door de Raad van Bestuur en is publiek beschikbaar gemaakt via onze jaarverslagen. Het toepassingsgebied van deze beleidsmaatregel omvat de eigen operaties van Belysse wereldwijd, maar is om praktische redenen beperkt tot de emissies gelinkt met het elektriciteits- en gasverbruik in onze 3 productievestigingen in Tielt, Zele en Los Angeles – die 92% van onze totale scope 1 en 2 emissies vertegenwoordigen. Deze beleidsmaatregel adresseert de volgende materiële impact, risico’s en opportuniteiten: • Risico van extra investeringskosten in infrastructuur om het energieverbruik van Belysse te verminderen en/of hogere kosten om koolstofemissierechten te kopen • Emissie van broeikasgassen door energieverbruik in de fabrieken • Uitputting van fossiele brandstoffen om aan de energievraag van Belysse te voldoen Een verdere verhoging van ons ambitieniveau komt voort uit onze SBTi-doelstellingen en richt zich ook op de volgende materiële impact, risico’s en opportuniteiten: • Mogelijkheid om marktaandeel te winnen dankzij onze SBTi verbintenis, aangezien dit een vereiste is van sommige grotere klanten • Potentiële positieve impact door de perceptie van klanten van Belysse’s SBTi verbintenis • Emissie van broeikasgassen door de winning en productie van grondstoffen • Emissie van broeikasgassen uit de upstream waardeketen (transport van grondstoffen en eindproducten) • Uitputting van fossiele brandstoffen om aan de vraag naar grondstoffen van Belysse te voldoen • Potentiële aanzienlijke stijgingen van de grondstofkosten als gevolg van uitputting van fossiele bronnen in de loop van de tijd • Verminderde uitstoot van broeikasgassen door het gebruik van gerecycleerde of biobased materialen te vergroten • Inkoop van een belangrijk deel niet-gerecycleerde grondstoffen, behoud van een lineair economisch systeem met winning van fossiele bronnen Het hoogste niveau in de organisatie dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van deze beleidsverklaring, is de Group Director Sustainability and Strategic Projects. De belangrijkste stakeholders wiens belangen in aanmerking genomen zijn bij het opstellen van deze beleidsmaatregel, zijn de klanten van Belysse. Deze beleidsverklaring is sinds de implementatie ervan in 2018 extern gecommuniceerd en beschikbaar gesteld als onderdeel van ons jaarverslag. Sindsdien is onze vooruitgang in het verminderen van onze scope 1 en 2 emissie-intensiteit ook opgenomen in ons jaarverslag. Onze SBTi-doelstellingen en de voortgang ten opzichte van die doelstellingen zullen vanaf boekjaar 2024 worden opgenomen in ons jaarverslag. De belangrijkste initiatieven om deze emissie-intensiteitsreductie en absolute emissiereductie te bereiken zijn: • Verbetering van de energie-efficiëntie door vermindering van ons elektriciteits- en gasverbruik, door veranderingen in onze productieprocessen en productsamenstelling • Maximaliseren van het gebruik van hernieuwbare energie, inclusief het inkopen van groene stroom en het gebruik van zonne-energie van de zonnepanelen die op de daken van onze fabrieken in Tielt en Zele zijn geïnstalleerd • Verdere elektrificatie van productieprocessen waar technisch en economisch haalbaar De tweede beleidsmaatregel van Belysse om klimaatverandering tegen te gaan, heeft tot doel het gehalte aan gerecycleerde materialen in onze producten te verhogen, met specifieke doelstellingen om ten minste 50% gerecycleerd materiaal te bereiken voor modulyss- en Bentley-producten. Deze beleidsverklaring is goedgekeurd door de Raad van Bestuur en is publiek gemaakt via onze jaarverslagen. Deze beleidsverklaring richt zich specifiek op de materiële impact: uitputting van fossiele brandstoffen om aan de grondstoffenvraag van Belysse te voldoen. De belangrijkste stakeholders wiens belangen in aanmerking genomen zijn bij het opstellen van deze beleidsmaatregel, zijn de klanten van Belysse. Deze beleidsverklaring is sinds de implementatie ervan in 2022 extern gecommuniceerd en beschikbaar gesteld als onderdeel van ons jaarverslag. Sindsdien is onze vooruitgang op het vlak van verhoogd gebruik van gerecycleerde materialen ook opgenomen in ons jaarverslag. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 59 De belangrijkste initiatieven om deze toename van gerecycleerd materiaal te bereiken zijn: • Ons totale grondstoffenverbruik verminderen door afval in het productieproces te verminderen en door het productgewicht te verlagen door lichtere tapijttegel backings aan te bieden (bv. ecoBACK sinds 2020 en ecoBACK PLUS sinds 2024). • Actief samenwerken met onze bestaande en potentiële nieuwe leveranciers om belangrijke materiaalinstromen te identificeren, zoals granulaten, garens, backings en backing-componenten met een hoger gehalte aan gerecycleerd materiaal. Deze belangrijkste initiatieven, de bijhorende doelstellingen en acties worden in meer detail behandeld in sectie E5 Gebruik van grondstoffen en circulaire economie. E1-3 Acties en middelen in verband met het beleid inzake klimaatverandering De acties die we ondernemen op het gebied van decarbonisatie - Energie-efficiëntie, gebruik van hernieuwbare energie en elektrificatie Onze doelstelling om de intensiteit van de CO 2 -uitstoot in scope 1 en 2 met 30% te verminderen, legt rechtstreeks maatregelen op om ons energieverbruik aan te passen, en kan worden bereikt door een combinatie van acties: • In 2022 zijn we gestart met de implementatie van nieuwe software voor energiebeheer en monitoring in onze twee Belgische fabrieken; in de loop van 2024 zijn er nog meer meters geïnstalleerd om onze energiebalans verder te kunnen optimaliseren • Onze projecten voor continue verbetering blijven lopen. Voorbeelden zijn de energie-optimalisatieacties in onze cablage afdeling, het opsplitsen van het persluchtnetwerk in onze fabriek in Tielt in 2 verschillende drukken (met een lagere druk voor processen waar dit voldoende is), en energie-efficiëntie-initiatieven voor de drogers in onze afwerkingsafdelingen. • De productiesite in Zele is ISO 50001 gecertificeerd. Gecertificeerde organisaties zijn verplicht om hun energieprestaties systematisch te verbeteren. • De productiesite in Tielt neemt deel aan de nieuwe periode van de vrijwillige EnergieBeleidsOvereenkomst ("EBO"), die in 2023 van start ging. Met deze participatie verbinden we ons ertoe de energie-efficiëntie van de productiesite te verbeteren en ons totale energieverbruik te verminderen. In het eerste jaar, 2023, is er een energie-audit uitgevoerd. In de loop van 2024 is een energieplan opgesteld, met concrete acties die vanaf 2024 worden uitgevoerd en verdere studies voor aanvullende mogelijke verbeteringen die vanaf 2025 moeten worden uitgevoerd. • Onze fabriek in Zele heeft in de loop van 2024 een stoomketel in de afwerkingsafdeling geëlektrificeerd om het aardgasverbruik te verminderen en in plaats daarvan groene stroom te gebruiken. Aangezien deze implementatie in Q3 2024 is afgerond, zal de meeste impact vanaf 2025 zichtbaar zijn. Ook dit jaar hebben we weer campagnes gehouden om ons energieverbruik te verminderen. De winst van deze campagnes werd echter gedeeltelijk tenietgedaan door een verminderde efficiëntie als gevolg van kleinere productieruns in de Belgische fabrieken, vergelijkbaar met 2023. Onze productielijnen zijn minder efficiënt wanneer er meer opstart, wissels of shutdowns plaatsvinden. Tabel 1 Openbaarmaking van inhoud over middelen in verband met het beleid inzake klimaatverandering (in duizenden EUR) 2024 Financiële middelen toegewezen aan het actieplan (OpEx) N.V.T Financiële middelen toegewezen aan het actieplan (CapEx) 560 K€ In de jaarrekening worden deze CapEx-bedragen gerapporteerd als onderdeel van Materiële vaste activa – Installaties, machines en uitrusting in het hoofdstuk ‘2. Geconsolideerde balans per 31 december’ E1-4 Doelstellingen In het BEYOND-programma hebben we als doel gesteld om de CO 2 -intensiteit van onze activiteiten (Scope 1 en 2 markt- gebaseerde emissies van elektriciteits- en gasverbruik in onze 3 productievestigingen, die 89% van de totale Scope 1 en 2 markt-gebaseerde emissies van Belysse vertegenwoordigen) tegen 2030 met 30% te verminderen, ten opzichte van een 2018 baseline, met een tussentijdse mijlpaal in 2025 om tegen die tijd een vermindering in intensiteit van 28% te bereiken. kg CO2/m² Baseline 2018 Actuals 2024 Doel 2025 Doel 2030 1,18 -22% -28% -30% Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 60 Deze emissies zijn gebaseerd op werkelijke metingen van ons elektriciteits- en gasverbruik; de enige aanname die wordt genomen bij het berekenen van de baseline en de werkelijke verbeteringen, zijn de emissiefactoren die in meer detail worden toegelicht in sectie E1-6. Stakeholders waren niet rechtstreeks betrokken bij het bepalen van deze doelstelling, hoewel deze is goedgekeurd door de Raad van Bestuur voordat deze werd vastgesteld. Er zijn geen wijzigingen geweest in de doelstelling, de overeenkomstige indicatoren, de onderliggende meetmethodologieën, de significante veronderstellingen, beperkingen, bronnen en processen voor het verzamelen van gegevens die binnen de gedefinieerde tijdshorizon zijn aangenomen, met uitzondering van de aanpassing van de emissiefactor voor elektriciteit in de fabriek van Tielt in de cijfers 2018-2023 om in overeenstemming te zijn met de markt-gebaseerde emissiefactor die voor 2023- 2024 wordt gebruikt in het kader van SBTi en CSRD. De impact op 2018 is onvoldoende materieel om de baseline te veranderen, die 1,18 kg CO 2 /m² blijft. Deze doelstellingen voor de vermindering van broeikasgasemissies zijn brutodoelstellingen, exclusief broeikasgasverwijderingen, koolstofkredieten of vermeden emissies als middel om de doelstellingen te bereiken. In mei 2023 heeft Belysse zich geëngageerd voor het Science Based Targets Initiative (SBTi). In de loop van 2024 hebben we onze Science Based doelstellingen voor 2030 ontwikkeld, die begin 2025 zijn gevalideerd: • Onze absolute scope 1 en 2 broeikasgasemissies tegen 2030 met 42% te verminderen, ten opzichte van het baseline jaar 2023 • Onze absolute scope 3 broeikasgasemissies van ingekochte goederen & diensten en upstream transport & distributie met 25% te verminderen binnen hetzelfde tijdsbestek De bovenstaande doelstellingen zijn gekozen uit een mogelijke reeks opties die door SBTi zijn gedefinieerd -er is geen sector- specifiek decarbonisatietraject voor onze industrie- en zijn in overeenstemming met het Akkoord van Parijs. Deze doelstellingen werden goedgekeurd door de Raad van Bestuur en extern geborgd door SBTi. Nog voordat deze scope 3-emissiereductiedoelstelling werd vastgelegd, heeft Belysse al de nodige actie ondernomen om deze emissies te verminderen, door het gebruik van gerecycleerde of biobased grondstoffen te vergroten. Er is gezorgd voor consistentie tussen de doelstellingen voor de vermindering van broeikasgasemissies en de grenzen van de broeikasgasinventaris, aangezien de bovenstaande SBTi-doelstellingen volledig in overeenstemming zijn met de manier waarop de volledige broeikasgasinventaris voor Belysse is berekend voor SBTi, zoals verder uiteengezet in sectie E1-6. De baseline van de CO 2 -uitstoot omvat alle activiteiten van Belysse. Aangezien 2023 een jaar was met een relatief laag verkoopvolume, kunnen de resulterende absolute emissies na deze reducties eerder aan de lage kant zijn. 2023 was echter het eerste volledige jaar van Belysse als bedrijf, na de desinvestering in 2022. Om een duidelijk onderscheid te maken tussen de volume-impact en de impact van energie- en emissiereductie-initiatieven, zullen we de emissie-intensiteit in kg CO 2 per m² geproduceerd tapijt blijven rapporteren voor de uitstoot van onze productie- sites. De absolute doelstellingen gaan uit van constante verkoopvolumes ten opzichte van 2023, voldoende klantenacceptatie van duurzamere producten om die producten en de benodigde investeringen financieel haalbaar te maken, maar zijn niet afhankelijk van toekomstige, nog niet bewezen technologie. Andere externe factoren, zoals veranderingen in de grijze elektriciteitsmix of de opwekking van zonne-energie, kunnen duidelijk worden gekwantificeerd en geïsoleerd. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 61 Tabel 2 Tabel met broeikasgasdoelstellingen (in lijn met SBTi-doelstellingen) Bruto broeikasgasemissies Streefjaar Baseline 2023 Actuals 2024 2030 GHG emissies (markt-gebaseerd) tCO2 188.725 173.334 138.702 GHG Scope 1 tCO2 12.911 12.274 GHG Scope 2 locatie-gebaseerd tCO2 5.012 5.097 GHG Scope 2 markt-gebaseerd tCO2 3.803 2.870 GHG Scope 1 + Scope 2 markt- gebaseerd tCO2 16.714 15.144 9.694 GHG Scope 3 tCO2 * 172.011 158.190 129.008 Verbeteringsinitiatieven t.o.v. baseline 2023 Scope 1+2 -1.570 -7.020 Energie-efficiëntie en vermindering van het verbruik, incl. vervanging of wijziging van producten en productieprocessen tCO2 -373 -2550 Elektrificatie tCO2 -290 -530 Gebruik van hernieuwbare energie tCO2 -1070 -3670 Andere tCO2 +128 volume impact +35 lagere opwekking van zonne-energie -270 te identificeren Verbeteringsinitiatieven t.o.v. baseline 2023 Scope 3 -13.821 -43.003 Aangekochte goederen en diensten -9.560 Voornamelijk door een hoger aandeel gerecycleerde PA6- garens Scope 3 roadmap moet nog worden ontwikkeld aangezien de baseline in de loop van 2024 werd opgesteld Upstream transport en distributie -1.231 Voornamelijk door verandering van grondstofleveranciers, kortere transportafstand en het wijzigen van het type transport Verwerking aan het einde van de levensduur van verkochte producten -3.030 Voornamelijk door het vervangen van polypropyleen uit het lagere segment door polyestercollecties * De scope 3-emissiecijfers omvatten de belangrijkste scope 3-categorieën voor Belysse: aangekochte goederen en diensten (enkel op activiteiten gebaseerde diensten), upstream transport en distributie, verwerking aan het einde van de levensduur van verkochte producten. Uit onze baselining-oefening voor 2023 in het kader van SBTi bleek dat deze 3 categorieën 93% van onze scope 3 emissies vertegenwoordigen. Geen van de bovenstaande initiatieven omvat zgn. nature-based solutions. Onze Scope 1 + 2 doelstellingen voor de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen zijn vastgelegd voor onze markt- gebaseerde emissies, vanwege de vele onzekerheden die van invloed zijn op onze toekomstige locatie-gebaseerde emissies: • Op dit moment is het onduidelijk in welke mate locatie-gebaseerde emissiefactoren, in het bijzonder voor elektriciteit, zullen evolueren in België en de VS. Vooral in België is er onzekerheid over de omvang en het tijdstip van de uitfasering van kernenergie, de impact die dit kan hebben op de afhankelijkheid van het land van fossiele brandstoffen voor energieopwekking, in combinatie met een groeiende vraag als gevolg van de aanhoudende elektrificatie van het industriële en huishoudelijke verbruik • Onze grootste hefboom bij het verminderen van onze scope 2 broeikasgasemissies, het gebruik van hernieuwbare energie, zou geen directe impact hebben op onze markt-gebaseerde emissies; indirect zou een groeiend aandeel van industriële en huishoudelijke consumenten die hernieuwbare energie aankopen, ertoe moeten leiden dat energieleveranciers actief overschakelen op koolstofarmere energieopwekking, wat vervolgens zou moeten leiden tot een vermindering van de locatie-gebaseerde emissiefactoren in de loop van de tijd Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 62 • Energie-efficiëntie en vermindering van het verbruik zouden doorgaans een vergelijkbare impact moeten hebben op locatie-gebaseerde emissies in vergelijking met markt-gebaseerde emissies, hoewel de exacte impact moeilijk te kwantificeren is, aangezien de vervanging of wijziging van onze productieprocessen gedeeltelijke elektrificatie kan omvatten • Het effect van afzonderlijke elektrificatie-initiatieven op locatie-gebaseerd emissies zou slechts gedeeltelijk zijn, waarbij nog steeds zou worden geprofiteerd van een vermindering van het nettoverbruik door energie-efficiëntie, maar slechts in mindere mate van de lagere emissiefactoren van elektriciteit in vergelijking met fossiele energiebronnen Onze Scope 3-doelstellingen voor de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen, die 86% van onze totale broeikasgasemissiereducties vertegenwoordigen, worden niet beïnvloed door een locatie- versus markt-gebaseerde benadering. Grootte-orde zal naar verwachting ten minste 90% van onze totale broeikasgasemissiereducties van toepassing zijn op onze locatie-gebaseerde emissies, hoewel de hierboven genoemde onzekerheden ons ervan weerhouden onze markt-gebaseerde doelstellingen en decarbonisatie initiatieven te vertalen naar een precieze locatie-gebaseerde doelstelling. De aanpassing van onze meest energie-intensieve productieprocessen aan alternatieve technologieën zal afhangen van de bijbehorende CAPEX-investeringen, hun financiële haalbaarheid en de mogelijke implementatietijdlijn die in ontwikkeling zijn. Wanneer deze wijzigingen aanpassingen van onze producten omvatten, zal de impact van deze wijzigingen bovendien afhangen van de marktacceptatie, d.w.z. de bereidheid van klanten om over te stappen op duurzamere producten. De technische haalbaarheid van de vereiste technologieën is onderzocht en bevestigd, dus hoewel deze technologieën nieuw zouden zijn voor Belysse of de specifieke Belysse-fabriek waar ze zouden worden geïmplementeerd, zijn dit bewezen technologieën in onze sector. De bovenstaande doelstellingen zijn in overeenstemming met het Akkoord van Parijs en zijn extern geborgd door het Science Based Targets-initiatief. Het zijn bruto doelstellingen, exclusief broeikasgasverwijderingen, koolstofkredieten of vermeden emissies als middel om de doelstellingen te bereiken. Tabel 3 Doelstellingen voor de vermindering van de broeikasgasemissies per scope per decarbonisatie-hefboom (in lijn met SBTi-doelstellingen) tCO2 Baseline 2023 Doelstellingen voor 2030 Energie- efficiëntie en vermindering van het verbruik Elektrificatie Gebruik van hernieuwbare energie Andere Uitstoot van broeikasgassen * 188.725 -2550 -530 -3670 -43.273 Percentage van het streefcijfer dat betrekking heeft op de totale uitstoot van broeikasgassen 94% -1,4% -0,3% -1,9% -22,9% Scope 1 broeikasgasemissies ** 12.911 -2550 -615 - -270 Percentage van de doelstelling met betrekking tot Scope 1 broeikasgasemissies 100% -20% -5% - -2% Scope 2 broeikasgasemissies op de markt 3.803 - +85 -3670 - Percentage van de doelstelling met betrekking tot Scope 2- broeikasgasemissies 100% - +2% -97% - Scope 3 broeikasgasemissies * 172.011 - - - -43.003 Percentage van de doelstelling met betrekking tot Scope 3 broeikasgasemissies * 93% - - - * Scope 3 emissiecijfers omvatten de belangrijkste scope 3 categorieën voor Belysse: Gekochte goederen en diensten, Upstream transport en distributie, Verwerking aan het einde van de levensduur van verkochte producten. ** De doelstelling voor 2030 is vastgesteld op de combinatie van Scope 1+2; voor de eenvoud zijn de nog niet geïdentificeerde initiatieven allemaal toegeschreven aan Scope 1-emissies, aangezien dit een veel grotere categorie zal zijn dan Scope 2 nadat alle reeds geïdentificeerde initiatieven zijn geïmplementeerd. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 63 In deze baseline cijfers en streefdoelen is geen rekening gehouden met koolstofcompensaties of met koolstofkredieten die worden behandeld in deel E1-7 Projecten voor broeikasgasverwijdering en mitigatie, gefinancierd door middel van koolstofkredieten. De meeste van de bovenstaande Scope 1 en 2 decarbonisatie-initiatieven zullen ook bijdragen aan onze BEYOND-emissie- intensiteitsdoelstelling in onze productievestigingen: Statistieken E1-5 Energieverbruik en mix Tabel 4 Energieverbruik en mix (in MWh) Eenheid: MWh 2024 Europa US Belysse Totaal Totaal energieverbruik 79.512 15.945 95.458 Totaal fossiel energieverbruik 56.772 10.215 66.987 Brandstofverbruik uit steenkool en steenkoolproducten - - - Brandstofverbruik van ruwe olie en aardolieproducten - - - Brandstofverbruik uit aardgas 50.670 10.007 60.677 Brandstofverbruik uit andere fossiele bronnen - - - Verbruik van ingekochte of verworven elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit fossiele bronnen 6.102 208 6.310 Aandeel fossiele bronnen in het totale energieverbruik 71% 64% 70% Verbruik uit nucleaire bronnen 10.257 64 10.322 Aandeel van het verbruik uit nucleaire bronnen in het totale energieverbruik 13% 0,4% 11% Totaal verbruik van hernieuwbare energie * 12.483 5.666 18.149 Brandstofverbruik uit hernieuwbare bronnen - - - Verbruik van ingekochte of verworven elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit hernieuwbare bronnen 12.483 5.666 18.149 Verbruik van zelf opgewekte, hernieuwbare energie uit andere bronnen dan brandstof - - - Aandeel hernieuwbare bronnen in het totale energieverbruik 16% 36% 19% Productie van niet-hernieuwbare energie - - - Productie van hernieuwbare energie - - - Totaal energieverbruik van activiteiten in sectoren met hoge klimaatimpact 79.512 15.945 95.458 Totaal energieverbruik van activiteiten in sectoren met een hoge klimaatimpact, per netto-omzet van activiteiten in sectoren met een hoge klimaatimpact (MWh/€) ** 0,00063 0,00010 0,00034 Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 64 * Bestaat uit 6413 MWh aan certificaten voor hernieuwbare energie, 3222 MWh aan zonne-energie en 8514 MWh aan groene stroomcontracten. ** Aangezien de NACE-sector "vervaardiging van tapijten en vloerkleden" wordt beschouwd als een sector met een hoge klimaatimpact, zijn alle energieverbruik en omzet van Belysse in deze berekeningen opgenomen, inclusief het energieverbruik in magazijnen en showrooms. De netto-omzetcijfers die in deze berekening gebruikt werden, zijn: • €280.4m voor Belysse, ontleend aan de jaarrekening, sectie 1. 'Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet- gerealiseerde resultaten voor de periode eindigend op 31 december': Omzet • €125.9m voor Europe, ontleend aan de jaarrekening, toelichting 4. Segmentrapportage: Omzet per segment • €154.5m voor US, ontleend aan de jaarrekening, toelichting 4. Segmentrapportage: Omzet per segment De emissiereducties in de onderstaande tabel worden gemeten ten opzichte van de baseline van 2018 en hebben betrekking op Scope 1 en 2 markt-gebaseerde emissies van elektriciteits- en gasverbruik in onze 3 productievestigingen. Eenheid 2024 Absolute waarde van Scope 1+2 broeikasgasemissiereductie ton CO2 -16.983 Percentage van Scope 1+2 broeikasgasemissiereductie (ten opzichte van emissies in de baseline) % -55% Absolute waarde van Scope 1 broeikasgasemissiereductie ton CO2 -9.226 Percentage van Scope 1 broeikasgasemissiereductie (ten opzichte van emissies in de baseline) % -46% Absolute waarde van locatie-gebaseerde Scope 2 broeikasgas-emissiereductie ton CO2 -4.615 Percentage locatie-gebaseerde Scope 2 broeikasgas- emissiereductie (ten opzichte van emissies in de baseline) % -48% Absolute waarde van markt-gebaseerde Scope 2 broeikasgas-emissiereductie ton CO2 -7.756 Percentage markt-gebaseerde Scope 2 broeikasgas- emissiereductie (ten opzichte van emissies in de baseline) % -74% Opmerking: Belysse heeft geen doelstellingen voor de vermindering van de broeikasgasemissies in intensiteitswaarde (per netto-omzet); al onze doelstellingen voor broeikasgassen zijn ofwel in absolute waarde (SBTi) of in verhouding tot productievolumes (BEYOND) E1-6 Bruto scope 1, 2, 3 en totale broeikasgasemissies In 2024 zijn er geen significante veranderingen geweest in Belysse en haar waardeketen. In eerdere jaar- of duurzaamheidsverslagen waren de scope 1 en 2 emissies beperkt tot onze 3 productievestigingen, die 90% van onze totale scope 1 en 98% van onze totale scope 2 locatie-gebaseerde emissies / 95% van onze totale scope 2 markt- gebaseerde emissies vertegenwoordigen. De koolstofvoetafdrukmethode die in het jaarverslag 2024 wordt gepresenteerd, maakt gebruik van de SBTi-baselining oefening die in 2024 is uitgevoerd en die bestaat uit een volledige screening en mapping van alle relevante categorieën van het GreenHouse Gas protocol: • Alle scope 1 emissiecategorieën: o Stationaire verbranding bestaande uit aardgasverbruik in onze 3 productievestigingen en showrooms o Mobiele verbranding omvat niet-elektrische bedrijfswagens en tankkaarten van het bedrijf, intern transport tussen fabrieken en niet-elektrische heftrucks. Deze verbruiken werden omgerekend naar CO 2 emissie equivalenten met behulp van gegevens van 'CO2-emissiefactoren' voor België en het U.S. Environmental Protection Agency voor de VS o Vluchtige emissies van de print- en verfactiviteiten in onze fabrieken in Tielt en Bentley, en procesemissies van onze eigen afvalwaterzuivering in onze fabriek in Tielt. Deze laatste zijn biogeen van aard en bestaan uit CO 2 - en N 2 O-emissies, die 3% van onze totale scope 1 emissies vertegenwoordigen • Alle scope 2 emissiecategorieën: het elektriciteitsverbruik in onze 3 productievestigingen, hoofdkantoor en showrooms, evenals het elektriciteitsverbruik voor elektrische en hybride bedrijfswagens. Het elektriciteitsverbruik voor elektrische heftrucks is al inbegrepen in het elektriciteitsverbruik van onze fabrieken. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 65 • Deze verbruiken werden omgerekend naar CO 2 emissie equivalenten met behulp van locatie- en markt-gebaseerde gegevens van 'CO2-emissiefactoren' voor België op nationaal niveau, en het U.S. Environmental Protection Agency voor de VS op eGRID (Emissions & Generation Resource Integrated Database) subregioniveau (WECC California, RFC West, NPCC NYC/Westchester, NPCC New England, SERC South, RFC East). De contractuele instrumenten die worden gebruikt om scope 2 emissies te berekenen zijn: o Gebundelde instrumenten: groene stroomcontracten voor Zele en onze Bentley Mills fabriek, die samen 27% van het totale elektriciteitsverbruik van Belysse vertegenwoordigen o Niet-gebundelde instrumenten: in het kader van ons engagement op het gebied van hernieuwbare energie hebben we in 2024 certificaten voor hernieuwbare energie (Europese garanties van oorsprong van hernieuwbare elektriciteit) gekocht voor 6413 MWh, wat overeenkomt met 28% van het elektriciteitsverbruik van de fabriek van Tielt uit het net, wat neerkomt op 20% van het totale elektriciteitsverbruik van Belysse • Alle scope 3 emissiecategorieën: aangekochte goederen en diensten, kapitaalgoederen, brandstof- en energie gerelateerde activiteiten die niet zijn opgenomen in scope 1 en 2, upstream en downstream transport en distributie, afval gegenereerd in productie, zakenreizen, woon-werkverkeer van werknemers met uitzondering van bedrijfsauto's of tankkaarten, upstream geleasede activa (bepaalde showrooms waar Belysse geen eigenaar is van de energiecontracten) en verwerking van verkochte producten aan het einde van de levensduur. Van de bovenstaande categorieën zijn de belangrijke scope 3 categorieën (die 93% van onze scope 3 emissies in 2023 vertegenwoordigen): o Ingekochte goederen: Er werden CO 2 -emissiefactoren per producttype toegepast, waarbij gebruik werd gemaakt van primaire gegevens van de leverancier indien beschikbaar, of van industriestandaarden uit een database voor levenscyclus-analyse bij gebrek aan specifieke leveranciersgegevens. 33% van de berekende emissies was gebaseerd op primaire gegevens. Deze emissiefactoren werden toegepast op het gewicht van de gekochte goederen, dat voor 95% gebaseerd was op gemeten gewichten, 5% op basis van berekeningen voor (meestal verpakkings)producten die per stuk worden gekocht in plaats van per gewicht. o Ingekochte diensten (op activiteiten gebaseerd): voor alle uitbestede productieprocessen werden de CO 2 - emissiefactoren gebaseerd op EPD-gegevens (Environmental Product Declaration), hetzij van onze eigen producten waar we vergelijkbare productieprocessen intern hebben, hetzij van leveranciers. Deze emissiefactoren werden toegepast op de gemeten volumes of gewichten van de halffabricaten die deze processtappen doorliepen. o Upstream transport en distributie: berekend op basis van het gewicht van de vervoerde goederen en de afgelegde afstand, afhankelijk van de transportmethode (vrachtwagen vs. spoor vs. zee). Geen van deze berekeningen was gebaseerd op primaire gegevens. De afstand die grondstoffen afleggen, is berekend op basis van de locatie van de leverancierssite en onze productiesite; de afstand die wordt afgelegd door verkochte goederen is geschat als de afstand van onze productiesite tot het geografische centrum van het land of de Amerikaanse staat waar onze producten naartoe zijn verzonden. o Verwerking aan het einde van de levensduur van verkochte producten: berekend op basis van de specifieke EPD-gegevens van onze producten voor alle commerciële producten die 33% van de CO 2 -uitstoot in deze categorie vertegenwoordigen, en referentie-EPD's voor de sector op basis van productsamenstelling en poolgewicht voor alle residentiële producten die 67% van de CO2-uitstoot in deze categorie vertegenwoordigen. • Uitgesloten GreenHouse Gas protocol categorieën zijn: o Verwerking van verkochte producten: niet van toepassing voor Belysse, aangezien de producten die wij verkopen eindproducten zijn en geen enkele bewerking ondergaan voordat ze worden gebruikt, volgens de definitie van het GHG Protocol o Gebruik van verkochte producten: niet van toepassing op de producten van Belysse omdat onze producten tijdens hun levensduur geen energie verbruiken o Downstream geleasde activa: Belysse least geen activa aan andere bedrijven o Franchises: Belysse heeft geen franchises o Investeringen: Belysse heeft geen investeringen die nog niet zijn opgenomen in scope 1 of 2 Eenheid 2024 Bruto Scope 1 broeikasgasemissies ton CO 2 12.274 Percentage van Scope 1 broeikasgasemissies binnen gereglementeerde emissiehandelssystemen % 67,1% Bruto locatie-gebaseerd Scope 2 broeikasgasemissies ton CO 2 5.097 Bruto markt-gebaseerde Scope 2 broeikasgasemissies ton CO 2 2.870 Bruto Scope 3 broeikasgasemissies * ton CO 2 158.190 Totale locatie-gebaseerde broeikasgasemissies * ton CO 2 175.561 Totale markt-gebaseerde broeikasgasemissies * ton CO 2 173.334 Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 66 * De Scope 3-emissiecijfers omvatten de 3 belangrijke categorieën voor Belysse: Aangekochte goederen en diensten, Upstream transport en distributie, End-of-life verwerking van verkochte producten. Uit onze baselining oefening voor 2023 in het kader van SBTi bleek dat deze 3 categorieën 93% van onze totale scope 3 emissies vertegenwoordigen. Tabel 5 Broeikasgasemissies (in ton CO 2 ) 2023 2024 % N / N-1 2030 % Doelstelling / Basisjaar Scope 1 broeikasgasemissies Bruto Scope 1 broeikasgasemissies 12.911 12.274 95,1% Geen afzonderlijke doelstelling voor scope 1 N.V.T Stationaire verbranding 11.219 11.039 98,4% Mobiele verbranding 1.052 740 70,3% Proces emissies 553 391 70,7% Vluchtige emissies 88 104 118,2% Percentage van Scope 1 broeikasgasemissies binnen gereglementeerde emissiehandelssystemen 65,1% 67,1% 103,1% Scope 2 broeikasgasemissies Bruto locatie-gebaseerd Scope 2 broeikasgasemissies 5.012 5.097 101,7% Geen afzonderlijke doelstelling voor scope 2 N.V.T Bruto markt-gebaseerde Scope 2 broeikasgasemissies 3.803 2.870 75,5% Significante scope 3 broeikasgas-emissies * Totale bruto indirecte (Scope 3) broeikasgasemissies * 172.011 158.190 92,0% 129.008 75,0% Percentage van de bruto Scope 3 uitstoot van broeikasgassen * 93% N.V.T N.V.T* Geen afzonderlijke doelstelling per categorie N.V.T Aangekochte goederen en diensten 127.724 118.164 92,5% Geen afzonderlijke doelstelling per categorie N.V.T Upstream transport en distributie 12.953 11.722 90,5% End-of-life verwerking van verkochte producten 31.334 28.304 90,3% Totale uitstoot van broeikasgassen Totale broeikasgasemissies (locatie-gebaseerd) * 189.934 175.561 92,4% 143.581 75,6% Totale broeikasgasemissies (markt-gebaseerd) * 188.725 173.334 91,8% 138.702 73,5% * Significante scope 3 emissiecijfers omvatten de belangrijkste scope 3 categorieën voor Belysse: aangekochte goederen en diensten, upstream transport en distributie, End-of-life verwerking van verkochte producten. Uit onze baselining oefening voor 2023 bleek dat deze 3 categorieën 93% van onze totale scope 3 emissies vertegenwoordigen. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 67 Tabel 6 Broeikasgasemissies - waardeketen 2024 Upstream waardeketen Eigen operaties Transport Downstream waardeketen Bruto Scope 1 broeikasgasemissies - 12.274 - - Bruto locatie-gebaseerd Scope 2-broeikasgasemissies - 5.097 - - Bruto markt-gebaseerde Scope 2-broeikasgasemissies - 2.870 - - Bruto Scope 3 broeikasgasemissies * 118.164 - 11.722 28.304 Totale markt-gebaseerde broeikasgasemissies * 118.164 17.371 11.722 28.304 Totale locatie-gebaseerd broeikasgasemissies * 118.164 15.144 11.722 28.304 Broeikasgasintensiteit per netto-omzet Eenheid 2023 2023 * 2024 * % N/N-1 * Totale broeikasgasemissies (locatie-gebaseerd) per netto-omzet tCO 2 eq per € 0,000672 tCO2eq / € 0,000631 tCO2eq / € 0,000626 tCO2eq / € 99,2% Totale broeikasgasemissies (markt-gebaseerd) per netto-omzet tCO 2 eq per € 0,000668 tCO2eq / € 0,000627 tCO2eq / € 0,000618 tCO2eq / € 98,5% * Scope 3 emissiecijfers omvatten de belangrijkste scope 3 categorieën voor Belysse, om volledige vergelijkbaarheid te hebben tussen de cijfers van 2023 en 2024. Het netto-omzetcijfer dat in deze berekening is gebruikt, is € 280,4 miljoen voor Belysse, ontleend aan de jaarrekening, sectie 1. 'Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode eindigend op 31 december': Omzet. E1-7 Projecten voor broeikasgasverwijdering en mitigatie, gefinancierd door middel van koolstofkredieten Belysse heeft geen verwijderings- of opslagactiviteiten voor broeikasgassen. Alle koolstofkredieten buiten de waardeketen van Belysse worden geverifieerd aan de hand van de GOLD Standard voor modulyss en aan de hand van de VERRA standaard voor Bentley. • Gold Standard is één van de toonaangevende standaarden en registers op de vrijwillige koolstofmarkt. Het ontwikkelt vereisten en methodologieën om ervoor te zorgen dat klimaatprojecten die Gold Standard koolstofkredieten willen uitgeven en andere programma's die gericht zijn op geloofwaardige impactrapportering, positieve resultaten opleveren. De Gold Standard Foundation, die de standaard beheert, werd in 2003 opgericht door het WWF en andere internationale NGO's om het niveau van milieu-integriteit te verhogen en de duurzame ontwikkelingsresultaten van koolstofkredietprojecten te meten. De stichting voert de Gold Standard for the Global Goals (GS4GG) uit, de standaard waartegen koolstofkredietprojecten zijn gecertificeerd. Het stelt koolstofprojecten in staat om hun impact te kwantificeren en te certificeren tegenover strikte vereisten aan ecologische en sociale voordelen. Projecten kunnen Gold Standard-koolstofkredieten krijgen na robuuste assurance van emissiereducties en het bijdragen aan ten minste twee aanvullende doelstellingen voor duurzame ontwikkeling om een positieve impact te garanderen. Bovendien vereisen Gold Standard koolstofkredieten een gender- en stakeholder-inclusief ontwerp en de implementatie van verschillende milieu- en sociale waarborgen. Gold Standard houdt een openbaar register bij van de geplande, uitgegeven en ingetrokken Gold Standard carbon credits. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 68 • Verra is een register voor koolstofkredieten dat de Verified Carbon Standard (VCS) beheert, de grootste standaard in de koolstofmarkt op basis van marktaandeel. Verra legt als standaard regels en vereisten vast voor koolstofkredietprojecten om ervoor te zorgen dat ze meetbare en zeer integere resultaten opleveren. Als register van koolstofkredieten houdt het een openbare database bij van alle geregistreerde Verra-projecten en de uitgegeven en ingetrokken koolstofkredieten. Het Verified Carbon Standard Program is de koolstofkredietstandaard van Verra. Deze bepaalt de regels voor koolstofkrediet-projecten en de validatie en verificatie daarvan. Deze omvatten definities voor essentiële concepten voor de kwaliteit en integriteit van koolstofkredieten, zoals additionaliteit, duurzaamheid en lekkagevereisten. De norm stelt ook methodologieën vast voor verschillende soorten projecten, zoals hernieuwbare energie of landbouw, bosbouw en ander landgebruik. Deze beschrijven de procedures en berekeningen die nodig zijn om te voldoen aan de vereisten van de norm voor het kwantificeren van emissie-reducties van een project. 100% van de carbon credits voor modulyss en Bentley zijn gerelateerd aan reductieprojecten. Deze zijn allemaal afkomstig van projecten buiten de Europese Unie. Tabel 9 Geannuleerde koolstofkredieten in het verslagjaar (in tCO2eq) 2024 Europa US Belysse Totaal Totaal (tCO2eq) 2.003 2.100 4.103 Aandeel van reductieprojecten (%) 100% 100% 100% Aandeel van verwijderingsprojecten (%) 0% 0% 0% Erkende kwaliteitsnorm (%) 100% 100% 100% Aandeel van projecten binnen de EU (%) 0% 0% 0% Aandeel koolstofkredieten dat kwalificeert als een Corresponding Adjustment (%) 0% 0% 0% Annulering van koolstofkredieten verwijst naar het proces waarbij koolstofkredieten permanent uit circulatie worden gehaald om ervoor te zorgen dat ze niet opnieuw kunnen worden gebruikt voor het compenseren van emissies: • Koolstofkredieten worden gecreëerd door projecten die de uitstoot van broeikasgassen verminderen, vermijden of verwijderen; elke vermindering van één metrische ton CO 2 of equivalent in andere broeikasgassen wordt vertegenwoordigd door één koolstofkrediet • Bedrijven als Belysse kunnen koolstofkredieten kopen om hun eigen uitstoot te compenseren. Eenmaal gekocht, moeten deze kredieten worden geannuleerd via een certificeringsinstantie of een register voor koolstofkredieten, om dubbeltelling of oververtegenwoordiging van reducties te voorkomen Carbon credits buiten de waardeketen van Belysse worden geannuleerd op: • halfjaarlijkse basis voor modulyss, in lijn met de overeenkomstige verkoopvolumes – we verwachten hetzelfde te blijven doen in de toekomst; we hebben geen bestaande contractuele overeenkomsten met betrekking tot toekomstige koolstofkredieten • jaarlijkse basis voor Bentley, in lijn met het overeenkomstige aardgasverbruik voor de productie – we verwachten hetzelfde te blijven doen in de toekomst; we hebben geen bestaande contractuele overeenkomsten met betrekking tot toekomstige koolstofkredieten Voor beide merken bieden wij klanten de mogelijkheid om de CO 2 -uitstoot van hun aankoop volledig te compenseren, op hun verzoek. We verwachten dit ook in de toekomst te blijven aanbieden. E1-8 Interne koolstofbeprijzing Belysse past geen interne koolstofbeprijzing toe. Hoewel duurzaamheid een belangrijk aspect is bij alle investerings- en zakelijke beslissingen die we nemen, wordt hiermee rekening gehouden in een bredere context dan louter de impact op onze CO 2 -voetafdruk. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 69 E1-9 Potentiële financiële effecten van materiële fysieke en transitierisico's en potentiële klimaatgerelateerde opportuniteiten Klimaatgerelateerde fysieke effecten en risico's werden als niet-materieel beschouwd, zoals uiteengezet in ESRS 2 IRO-1. Er is in 2024 geen financieel effect geweest met betrekking tot activa onderhevig aan een materieel fysiek of materieel transitierisico. De financiële effecten op middellange en lange termijn zijn in ontwikkeling, zoals uiteengezet in sectie E1-1 Transitieplan voor mitigatie van klimaatverandering. Een vermeldenswaardig materieel transitierisico is het EU-emissiehandelssysteem, behandeld door het geïdentificeerde risico "risico van extra investeringskosten in infrastructuur om het energieverbruik van Belysse te verminderen en/of kosten om koolstofemissies te kopen". Dit transitierisico en hoe Belysse proactief op dit risico anticipeert, wordt verder toegelicht in sectie GOV-5 Risicomanagement. Zie hoofdstuk E1.IRO-1 – Materiële impact, risico's en opportuniteiten en hun interactie met strategie en businessmodel, dat de methodologie beschrijft die werd gebruikt om transitierisico's te identificeren. Korte termijn (2024) Middellange termijn Lange termijn Activa met materieel fysiek risico N.V.T N.V.T N.V.T Acuut N.V.T N.V.T N.V.T Chronisch N.V.T N.V.T N.V.T Percentage van de activa met materieel fysiek risico N.V.T N.V.T N.V.T Netto-omzet uit bedrijfsactiviteiten met materieel fysiek risico N.V.T N.V.T N.V.T Percentage van de netto-omzet uit bedrijfsactiviteiten met materieel fysiek risico N.V.T N.V.T N.V.T Activa met een materieel transitierisico N.V.T In ontwikkeling Gestrande activa N.V.T Aandeel van de activa met een materieel transitierisico N.V.T Aandeel van de gestrande activa N.V.T Verplichtingen uit materiële transitie N.V.T Potentiële toekomstige verplichtingen N.V.T Netto-omzet uit bedrijfsactiviteiten met materieel transitierisico N.V.T Steenkool gerelateerde activiteiten N.V.T N.V.T N.V.T Olie gerelateerde activiteiten N.V.T N.V.T N.V.T Gas gerelateerde activiteiten N.V.T N.V.T N.V.T Percentage van de netto-omzet uit bedrijfsactiviteiten met een materieel transitierisico N.V.T In ontwikkeling Activiteiten in verband met steenkool N.V.T N.V.T N.V.T Olie gerelateerde activiteiten N.V.T N.V.T N.V.T Gas gerelateerde activiteiten N.V.T N.V.T N.V.T Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 70 E2 - Pollutie E2. IRO-1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van materiële impact, risico’s en opportuniteiten in verband met pollutie De volgende informatie is door middel van verwijzing opgenomen: • Beschrijving van het proces om materiële IRO’s te identificeren, is opgenomen in de sectie Algemene vereisten IRO-1 • Materiële impact, risico's en opportuniteiten en interactie met strategie en businessmodel Naast het raadplegen van stakeholders als onderdeel van onze dubbele materialiteitsanalyse, voeren we jaarlijks een audit uit op het naleven van de milieu regelgeving; op elke van onze productielocaties voeren we de nodige wettelijk vereiste lucht- en watermeetcampagnes uit om ervoor te zorgen dat onze emissies onder de verschillende vastgelegde normen blijven. ESRS- onderwerp Materiële IRO’s IRO beschrijving IRO oorsprong (up/down/eigen operaties) Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse E2 Impact van onze productieprocessen Lozing van afvalwater van de waterzuiverings- installatie op de site in Tielt naar oppervlakte- waterstromen, gezien de steeds strengere wetgeving en normen waaraan we moeten voldoen om onze exploitatievergunning te behouden Eigen operaties Actuele impact Waar nodig om te voldoen aan wetgeving en normen, past Belysse haar producten en productieprocessen hierop aan Risico dat strengere uitstootlimieten voor emissies naar lucht en water investeringen in nieuwe infrastructuur of innovatieve technologieën vereisen om onze exploitatievergunning te behouden Eigen operaties 1 – 5 jaar Belysse volgt de wijzigingen in wetgeving en normen op de voet. Waar nodig om te voldoen aan wetgeving en normen, past Belysse haar producten en productie- processen hierop aan Schadelijke stoffen in onze producten Belysse eist van leveranciers dat ze zich houden aan de gedragscode voor leveranciers, waarin de eisen met betrekking tot milieuprestaties zijn vastgelegd Upstream Actuele impact Het naleven van de gedragscode voor leveranciers van Belysse is een must voor elke bestaande of potentiële nieuwe leverancier Risico verbonden aan het feit dat veel van de producten van Belysse C2C-gecertificeerd zijn; om een geavanceerd certificeringsniveau te behalen of te behouden, moeten onze leveranciers essentiële informatie vrijgeven en bereid zijn samen te werken wanneer verbeteringen nodig zijn Upstream 1 – 5 jaar Deze informatie maakt deel uit van de leveranciersdocumentatie die Belysse opvraagt aan haar potentiële leveranciers. De bereidheid om te verbeteren waar nodig, maakt deel uit van onze evaluatiecriteria voor leveranciers Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 71 E2-1 Beleid met betrekking tot pollutie In onze fabrieken gebruiken we chemische stoffen. Hoewel alle chemische stoffen moeten worden beoordeeld voordat ze in onze fabrieken kunnen worden gebruikt, kunnen emissies naar de omgeving schadelijk zijn voor het milieu. Vooral in de fabrieken waar we verven (Tielt en Bentley Mills) moeten de emissies nauwlettend worden opgevolgd. Kwaliteits-, milieu- en energiebeleid Ons kwaliteits-, milieu- en energiebeleid van de Belysse Group vermeldt uitdrukkelijk ons engagement om te voldoen aan alle relevante wettelijke vereisten en om de best beschikbare technieken toe te passen, wat leidt tot een goede relatie met alle stakeholders en het voorkomen van milieuverontreiniging. Dit definieert onze benadering van pollutie, waarbij we ervoor zorgen dat we voldoen aan de lokale milieuwetgeving en alle toepasselijke normen voor emissies naar lucht en water, in plaats van een specifiek beleid met betrekking tot pollutie te hebben dat zou afwijken van deze wetgevingen en normen. De omvang en specifieke kenmerken van deze wetgeving worden hieronder verder behandeld. Deze beleidsverklaring bepaalt ook onze aanpak met betrekking tot productveiligheid en (zeer) zorgwekkende stoffen (substances of concern / very high concern), waarbij we volledig voldoen aan lokale wetgeving en normen zoals REACH en de Living Building Challenge Red List, maar daarnaast ook vrijwillige initiatieven nemen om onze productveiligheid aan onze eindgebruikers aan te tonen. Ook hier is er geen specifiek beleid dat zou afwijken van deze wetgevingen en normen. Emissies naar lucht en water In België zijn bedrijven verplicht om over een milieuvergunning te beschikken. Om deze milieuvergunning te verkrijgen, moeten bedrijven voldoen aan de milieuwetgeving, die jaar na jaar strenger wordt. De wetgeving vereist dat onafhankelijke derde partijen regelmatig onze emissies naar lucht en water meten. Welke parameters of stoffen getest worden en de frequentie van het testen, wordt bepaald door de Vlarem, Vlarema (afval) en Vlarebo (bodem) wetgeving. In Californië moet Bentley voldoen aan de meest robuuste Californische regelgeving. Californië staat bekend als de staat in de VS met de strengste milieuvoorschriften. Voor emissies naar lucht rapporteert Bentley over AER (Annual Emissions Reports), Criteria Pollutants (luchtverontreinigende stoffen waarvoor luchtkwaliteitsnormen en gekende aanvaardbare blootstellingsniveaus zijn vastgesteld), TAC (Toxic Air Contaminants), ODC (Ozone Depleting Compounds). De SCAQMD- wetgeving (South Coast Air Quality Management District) vereist rapportering voor verschillende activiteiten, waaronder emissies. Volgens de federale en staatswetgeving is de SCAQMD wettelijk verplicht om de luchtpollutievoorschriften te handhaven. Deze voorschriften zijn in de eerste plaats bedoeld om ervoor te zorgen dat de lucht in de omgeving voldoet aan luchtkwaliteitsnormen op federaal en staatsniveau. Voor emissies naar water rapporteert Bentley over de lozing van afvalwater; Los Angeles County Sanitation Districts (LACSD) is een openbare instantie die afvalwater en vast afval in Los Angeles County beheert. De missie van de LACSD is om de omgeving en de volksgezondheid te beschermen door afval om te zetten in grondstoffen. Gezondheid van producten en (zeer) zorgwekkende stoffen Belysse voldoet volledig aan de EU REACH-verordening. We hebben een centraal beheerd onderzoek systeem opgezet van alle grondstoffen en producten voordat deze in productie gaan, en we hebben strikte kwaliteitscontroles op het gebied van productconformiteit. Alle grondstoffen worden gescreend voordat ze op onze sites kunnen worden geleverd. Onze producten voldoen ook aan de minimumcriteria voor gezondheid en veiligheid zoals vastgelegd in de geharmoniseerde Europese norm EN14041, beter bekend als de CE-markering, met criteria voor veiligheid, slip, antistatische eigenschappen en gevaarlijke stoffen. Naleving van de lokale wetgeving en normen is een voorwaarde om onze producten op de markt te brengen. Daarnaast nemen we vrijwillige initiatieven om aan te tonen dat onze producten hun gebruikers niet zullen schaden. In ons productontwerp richten we ons op het gebruik van materialen met een lage uitstoot van vluchtige organische stoffen (VOS). • Alle Bentley-producten zijn gecertificeerd om te voldoen aan de eisen van het Green Label Plus-testprotocol van het Carpet and Rug Institute. Het programma stelt hoge eisen aan de kwaliteit van de binnenlucht. • Alle producten van modulyss en ITC zijn gecertificeerd door GUT, het Europese label dat erkend is als garantie voor milieu- en consumentenbescherming. Naast het verminderen van de VOS-uitstoot, hebben we ons ten doel gesteld om geen schadelijke chemische stoffen te gebruiken. Wij volgen de richtlijnen van erkende certificatieschema's: • De Cradle to Cradle Material Health Assessment is een van de strengste chemische beoordelingen voor producten. Eind 2024 heeft modulyss 26 collecties tapijttegels gecertificeerd op niveau goud en 19 collecties gecertificeerd op niveau zilver. Bij Bentley Mills zijn alle collecties gecertificeerd op het niveau zilver, op 12 backing-platformen. • Alle producten van Bentley Mills hebben het Declare label van het International Living Institute. Declare screent de ingrediënten van een product aan de hand van de Living Building Challenge Red List en zorgt ervoor dat het product geen chemische stoffen bevat waarvan gekend is dat ze een risico vormen voor de menselijke gezondheid of het milieu. Het Europees Agentschap voor chemische stoffen (European Chemical Agency, ECHA) publiceert regelmatig een lijst van zeer zorgwekkende stoffen (SVHC) op de kandidatenlijst. Wanneer een van onze textielproducten een dergelijke stof bevat voor meer dan 0,1 % (gewicht/gewicht), zullen we over deze stoffen communiceren met onze klanten. In dergelijke gevallen zal Belysse actief op zoek gaan naar een alternatieve oplossing voor de gebruikte stoffen op de kandidatenlijst, om deze uit te faseren. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 72 Bovendien voldoen onze textielproducten aan alle beperkingen zoals vermeld in bijlage XVII van de REACH-verordening. Op basis van onze huidige kennis en die van onze (Europese en niet-Europese) leveranciers, kunnen we meedelen dat we geen van deze stoffen gebruiken. Tot slot verwijzen we graag naar de GUT-Prodis-labeling van onze modulyss- en ITC-producten, die gebaseerd is op veel strengere aanvaardingscriteria. Managementsystemen en certificering Omdat de milieuregelgeving voortdurend wordt bijgewerkt, voeren wij jaarlijks een milieu-compliance-audit uit. De audit, waarvoor we een beroep doen op een gespecialiseerd extern bedrijf, richt zich op het managementsysteem, de screening van de milieuvergunningen en verificatie van de vergunningsvoorwaarden, de evaluatie van het watergebruik en waterlozing, en een controle van de atmosferische omstandigheden. In 2024 hebben we geen aanklacht gekregen voor overtredingen. Voor onze Belgische vestigingen hebben we de ISO 14001 methodologie ingevoerd, als onderdeel van een geïntegreerd managementsysteem volgens ISO 9001, 14001 en 50001. Hiermee hebben we een gestructureerde manier geïntroduceerd om doelstellingen te stellen, acties te definiëren en de effectiviteit daarvan te monitoren. Beide Belgische productiesites zijn ISO 14001 gecertificeerd door externe partijen. Bentley Mills voldoet volledig aan het South Coast Air Quality Management District (SCAQMD) en de Los Angeles Sanitation District Regulation. Deze laatste regelt het afvalwaterbeheer voor de stad Los Angeles en de omliggende gebieden. Voor zijn productiesite gaat Bentley Mills verder dan het naleven van regelgeving, door de LEED-certificering van de site: sinds 2012 is het gebouw gecertificeerd op het niveau LEED EB: O+M Gold. Hiermee is Bentley Mills 's werelds eerste en enige productiefaciliteit voor tapijten die de LEED-EB goud standaard behaalt. Het hoogste niveau in de organisatie dat verantwoordelijk is voor de implementatie van deze beleidsverklaring is onze Operations Director voor Europa en onze President en Chief Operating Officer voor Bentley Mills. De belangen van stakeholders zoals de overheid, instellingen en lokale gemeenschappen worden behartigd door het naleven van alle milieuwetgeving en regelgeving. De gezondheid en veiligheid van onze klanten wordt gewaarborgd door te voldoen aan alle lokale wetgeving en normen, evenals aan de hierboven beschreven vrijwillige initiatieven die we nemen om aan te tonen dat onze producten hun gebruikers niet schaden. Op de website van Belysse worden onze certificeringen op bedrijfsniveau gepubliceerd die ons engagement tonen naar gezondheid, veiligheid, kwaliteit en verantwoordelijkheid voor het milieu. Eventuele product-specifieke certificeringen worden gepubliceerd op de website van het betreffende merk. Waardeketen De gedragscode voor onze leveranciers (supplier code of conduct) in de upstream-waardeketen wordt behandeld in sectie E2- 2 Actieplan. We hebben geen pollutiebeleid voor onze downstream waardeketen, aangezien de producten die we verkopen eindproducten zijn en geen enkele verwerking ondergaan voordat ze worden gebruikt, dus door onze upstream waardeketen, eigen activiteiten en productgezondheid te beheersen, beheersen we alle bronnen van mogelijke downstream pollutie (emissies naar lucht en water, zorgwekkende stoffen). E2-2 Actieplan De acties die we ondernemen, beginnen met de wettelijk verplichte emissiemetingen van lucht en water op onze productiesites en het nemen van de nodige acties om ervoor te zorgen dat we onder alle toepasselijke limieten blijven, die in de loop van de tijd steeds strenger worden. Een voorbeeld van een specifieke actie die in 2024 werd ondernomen om op middellange termijn impact te creëren, was het onderzoeken van mogelijke technologieën die ons in staat zullen stellen om de waterlozing van onze waterzuiveringsinstallatie in Tielt te laten voldoen aan toekomstige strengere eisen. Eind 2024 zijn we een pilootproject gestart om de technische haalbaarheid en mogelijke resultaten van extra waterzuivering als aanvulling op onze huidige waterzuiveringsinstallatie te testen, met ondersteuning van externe experten om ervoor te zorgen dat we een technische oplossing vinden die inderdaad aan die toekomstige strengere emissie-eisen voldoet. Omdat dit zich nog in een onderzoeksfase bevindt, zijn de mogelijke investeringen die hiervoor nodig zijn nog niet bekend. Korte termijn (2024) Middellange termijn Lange termijn Financiële middelen toegewezen aan het actieplan (OpEx) N.V.T In ontwikkeling Financiële middelen toegewezen aan het actieplan (CapEx) N.V.T Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 73 Naast het beleid en de acties die Belysse heeft ingevoerd voor haar eigen activiteiten, breiden we deze acties uit naar onze upstream en downstream waardeketen: • Door onze strenge productconformiteitscontroles van alle grondstoffen en producten voordat ze in productie gaan, zoals beschreven in de vorige paragraaf. • Via onze in 2021 vastgestelde gedragscode voor leveranciers, wat een harde eis is voor externe partijen om leverancier van Belysse te worden. Deze gedragscode bevat onze duidelijke verwachtingen met betrekking tot milieuprestaties; we verwachten van onze leveranciers dat ze: o Procedures opstellen en implementeren om de negatieve impact van hun activiteiten op het milieu tot een minimum te beperken, en managementsystemen zoals ISO 14001 gebruiken om hun prestaties voortdurend te verbeteren. o Niet enkel rekening houden met de impact van hun producten op het milieu tijdens de ontwerpfase, maar ook in hun productie, inkoop en dienst na verkoop processen. o Focussen op het verminderen van het gebruik van grondstoffen, en het elimineren van afval dat door al hun activiteiten wordt geproduceerd. o Middelen efficiënt gebruiken, streven naar verminderen van hun waterverbruik en de uitstoot van broeikasgassen, en het gebruik stimuleren van energie-efficiënte technologieën in hun productie en diensten. E2-3 Doelstellingen met betrekking tot pollutie Openbaarmaking van meetbare resultaatgerichte en tijdgebonden doelstellingen Belysse heeft geen eigen doelen gesteld met betrekking tot pollutie, aangezien onze milieuvergunningen al strikte limieten bevatten voor emissies naar lucht en water. We voeren jaarlijkse meetcampagnes uit op deze emissies om ervoor te zorgen dat we onder de wettelijke limieten blijven. Deze wettelijke emissiemetingen worden uitgevoerd door geaccrediteerde laboratoria. Welke parameters of stoffen worden getest en aan welke wettelijke limieten moet worden voldaan, wordt bepaald door de Vlarem-, Vrarema- en Vlarebo-wetgeving voor onze Belgische productiesites en door de SCAQMD-wetgeving en LACSD voor onze Amerikaanse productiesite. Belysse heeft ook geen eigen doelen gesteld met betrekking tot het gebruik van (zeer) zorgwekkende stoffen, aangezien we ervoor zorgen dat elk product dat onze productielocatie binnenkomt, voldoet aan de REACH-voorschriften of de norm voor de Living Building Challenge Red List, om het gebruik van zeer zorgwekkende stoffen te vermijden. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 74 E2-4 Pollutie van lucht en water – algemeen 2024 Emissies naar lucht Emissies naar water Koolmonoxide * Ammoniak * Stikstofoxiden * Zwaveloxiden * Stikstof totaal * Fosfor totaal * Arseen en verbindingen * Cadmium en verbindingen * Chroom en verbindingen * Koper en verbindingen * Kwik en verbindingen * Nikkel en verbindingen * Lood en verbindingen * Zink en verbindingen * Aldrin * Atrazine * Chloordaan * Chloorfenvinfos * Chloorpyrifos * DDT * 1,2-dichloorethaan * Dichloormethaan * Dieldrin * Endosulfan * Endrin * Gehalogeneerde organische verbindingen * Heptachloor * Hexachloorbenzeen * Hexachloorbutadieen * Pentachloorbenzeen * Pentachloorfenol * Polychloorbifenylen * Simazine * Tetrachloorethyleen * Tetrachloormethaan * Trichloorbenzenen * 1,1,1-trichloorethaan * 1,1,2,2-tetrachloorethaan * Trichloorethyleen * Trichloormethaan * Vinylchloride * Antraceen * Benzeen * Gebromeerde difenylethers * Nonylfenol en nonylfenolethoxylaten * Ethylbenzeen * Naftaleen * Totaal Sn * Fenolen * Tolueen * Totaal organische koolstof * Xylenen * Chloriden * Asbest * Cyaniden * Fluoriden * Fijnstof * Fluorantheen * Isodrin * Benzo(g,h,i)peryleen * Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 75 * We overschrijden de drempel niet voor lozingen, zoals vastgelegd in bijlage II van Verordening (EG) nr. 166/2006 van het Europees Parlement en de Raad. Deze drempels zijn vergeleken met de gecombineerde emissies van de locatie(s) waar deze metingen beschikbaar zijn, omdat ze vereist zijn voor milieuvergunningen of wetgeving. Waar de gemeten concentraties onder de meetdrempel lagen van het erkende expertlaboratorium dat de meting uitvoerde, zijn we ervan uitgegaan dat we deze drempels voor lozingen niet overschrijden. De emissies naar lucht voor Bentley zijn gebaseerd op het luchtemissierapport van 2023, aangezien het rapport van 2024 niet beschikbaar is voor het einde van Q1 2025. Voor onze fabrieken in Tielt en Zele is de wettelijk verplichte rapportering van de emissies naar water en lucht terug te vinden in het IMJV ("integraal milieujaarverslag"). Tielt is verplicht om jaarlijks een dergelijk rapport in te vullen. modulyss is enkel verplicht om een dergelijk rapport in te vullen op basis van selectie, volgens de regelgeving voor GPBV-industriële installaties (Geïntegreerde Preventie en Bestrijding van Verontreiniging). Voor onze Bentley fabriek zijn we verplicht om driemaandelijkse zelfcontrolerapporten voor de lozing van afvalwater te rapporteren aan de Los Angeles County Sanitation Districts en jaarlijkse rapportering van emissies naar lucht aan SCAQMD. Metingen voor alle fabrieken worden uitgevoerd door externe experts, in overeenstemming met de wettelijke vereisten. Onze Belgische milieucoördinatoren volgen periodieke opleidingen over deze thema's en maken deel uit van een werkgroep van milieucoördinatoren van Fedustria – de Belgische federatie van de textiel-, hout- en meubelindustrie – waarin eventuele wijzigingen in de regelgeving inzake pollutie aan bod komen. Ze maken gebruik van externe technische expertise om te helpen bij de naleving van de milieuwetgeving, met name op het gebied van emissies naar lucht en water, en de bijbehorende regelgeving. Bentley maakt gebruik van externe technische expertise om te helpen bij de naleving van luchtkwaliteit en milieu, engineering en vergunningen. Deze technische experts helpen ons om te voldoen aan de complexe reeks milieuregels en -voorschriften die zijn uitgevaardigd door lokale, staats- en federale instanties. Onze eigen waterzuiveringsinstallatie in Tielt maakt gebruik van een aeroob, biologisch zuiveringsproces gevolgd door chemische conditionering om zwevende deeltjes te laten uitvlokken en vervolgens neer te slaan in een lamellenafscheider die is ontworpen om zwevende stoffen uit afvalwater te verwijderen. Deze hele oplossing is speciaal ontworpen om onze fabriek te laten voldoen aan strikte normen voor waterlozing. E2-5 Zorgwekkende en zeer zorgwekkende stoffen In onze Europese activiteiten werken we nauw samen met onze leveranciers om hun voortgang en maatregelen met betrekking tot REACH-naleving te monitoren. Elke leverancier moet een REACH-verklaring ondertekenen, waarin hij bevestigt dat de geleverde producten geen zeer zorgwekkende stoffen bevatten, zoals gedefinieerd door het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) in zijn kandidatenlijst. Door een gedetailleerde voorraad van al onze chemische producten bij te houden, zijn we in staat om snel te reageren op eventuele wijzigingen. Elk nieuw aangekocht chemisch product wordt zorgvuldig geëvalueerd op basis van de REACH- verordening en de specifieke eisen van onze klanten. Op basis van de verklaringen van onze leveranciers en de bijbehorende veiligheidsinformatiebladen garanderen wij dat er geen zeer zorgwekkende stoffen in ons eindproduct aanwezig zijn. Met onze eigen kennis, maar ook met de kennis van onze leveranciers, kunnen we bevestigen dat dergelijke stoffen niet worden gebruikt in ons productieproces. Dit betekent ook dat we kunnen bevestigen dat er geen zorgwekkende stoffen worden gebruikt in ons productieproces, op basis van de criteria in artikel 57 van Verordening (EG) 1907/2006 (REACH) of geïdentificeerd in overeenstemming met artikel 59(1), van die verordening. We gebruiken zorgwekkende stoffen op basis van de criteria in deel 3 van bijlage VI bij Verordening (EG), voornamelijk in laboratoriumtests en in onderhoudsproducten. Zorgwekkende stoffen die behoren tot huidsensibilisatiecategorie 1, chronisch gevaar voor het aquatisch milieu categorieën 1 tot 4 en herhaalde blootstelling categorieën 1 en 2 komen voor in onderhoudsproducten, grondstoffen en hulpstoffen. De producten die tot deze classificaties leiden, worden meestal gebruikt als conserveermiddel of om bepaalde eigenschappen te verbeteren. Al deze stoffen worden in zodanig lage concentraties gebruikt dat deze classificaties na het mengen en verwerken niet van toepassing zijn op het eindproduct. In onze Amerikaanse business hanteren we een vergelijkbare aanpak met behulp van de Living Building Challenge Red List en screenen we onze aankopen op giftige chemische stoffen voordat we bestellen. Wel gebruiken we zorgwekkende stoffen vooral in onderhoudsproducten, grondstoffen en hulpmiddelen. De producten die tot deze classificaties leiden, worden meestal gebruikt als conserveermiddel of om bepaalde eigenschappen te verbeteren. Al deze stoffen worden in zodanig lage concentraties gebruikt dat deze classificaties na het mengen en verwerken niet van toepassing zijn op het eindproduct. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 76 Bovendien worden veel van deze categorieën gescreend als onderdeel van onze productgezondheidscertificering: • in Europa: GUT, het Europese label dat is erkend als garantie voor milieu- en consumentenbescherming, dat uitgebreide tests op schadelijke stoffen omvat • in de VS: het Declare-label van het International Living Institute, dat de ingrediënten van een product screent aan de hand van de Living Building Challenge Red List, om ervoor te zorgen dat het product geen chemische stoffen bevat waarvan bekend is dat ze een risico vormen voor de menselijke gezondheid of het milieu; rapporten over vluchtige organische stoffen voor CRI Green Label Plus-certificering • in beide regio's: Cradle to Cradle Material Health Assessment voor onze C2C-gecertificeerde producten Carcinogeniteit Andere gevarenklassen kg 2024 kg 2024 Totale hoeveelheid zorgwekkende stoffen die tijdens de productie worden gegenereerd of gebruikt of die worden aangekocht Niet gemeten Niet gemeten Totale hoeveelheid zorgwekkende stoffen die faciliteiten verlaten als emissies, als producten of als onderdeel van producten of diensten Niet gemeten Niet gemeten Verlaat faciliteiten als emissies Niet gemeten Niet gemeten Verlaat faciliteiten als producten 0 0 Verlaat faciliteiten als onderdeel van producten Niet gemeten Niet gemeten Totale hoeveelheid zeer zorgwekkende stoffen die tijdens de productie worden gegenereerd of gebruikt of die worden aangekocht 0 0 Totale hoeveelheid zeer zorgwekkende stoffen die faciliteiten verlaten als emissies, als producten of als onderdeel van producten of diensten 0 0 Verlaat faciliteiten als emissies 0 0 Verlaat faciliteiten als producten 0 0 Verlaat faciliteiten als onderdeel van producten 0 0 E2-6 Potentiële financiële effecten van materiële risico's en opportuniteiten in verband met pollutie Op kort termijn Middellange termijn Lange termijn Percentage van de netto-omzet dat wordt behaald met producten en diensten die zorgwekkende stoffen zijn of bevatten Niet gemeten Niet gemeten Niet gemeten Percentage van de netto-omzet dat wordt behaald met producten en diensten die zeer zorgwekkende stoffen zijn of bevatten 0% 0% 0% Operationele uitgaven (OpEx) in verband met grote incidenten en afzettingen (pollutie) N.V.T In ontwikkeling Kapitaaluitgaven (CapEx) in verband met grote incidenten en afzettingen (pollutie) N.V.T Provisies voor milieubescherming en saneringskosten (verontreiniging) N.V.T In 2024 zijn er geen operationele of kapitaaluitgaven gedaan in verband met grote pollutie incidenten en afzettingen. Voor de middellange tot lange termijn verwijzen wij naar de Jaarrekening, Toelichting 13. Materiële vaste activa. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 77 E3 - Water en mariene hulpbronnen E3. IRO1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van materiële impact, risico’s en opportuniteiten in verband met water en mariene grondstoffen De volgende informatie is door middel van verwijzing opgenomen: • De beschrijving van het proces voor het identificeren van materiële IRO's is opgenomen in de sectie Algemene vereisten IRO-1 Het proces om de actuele en potentiële impact, risico's en opportuniteiten van water en mariene hulpbronnen in onze eigen activiteiten en de upstream- en downstreamwaardeketen te identificeren, was gericht op de wateronttrekking en het daaruit voortvloeiende waterverbruik in de eigen activiteiten van Belysse, waar onze productiesite in Tielt ongeveer 85% vertegenwoordigt van de totale wateronttrekking van de Belysse Group. Bij onze screening van de impact van water en mariene hulpbronnen is gebruik gemaakt van de WWF Water Risk Filter om het risico op waterschaarste te evalueren en de Aquaduct tool van het World Resources Institute om het niveau van waterstress in de omgeving van onze drie productiefaciliteiten te beoordelen. Hoewel het waterverbruik in onze Upstream waardeketen naar schatting ongeveer vergelijkbaar is met ons eigen waterverbruik, is onze eerste prioriteit om manieren te zoeken om ons eigen zoetwaterverbruik te verminderen en het goede voorbeeld te geven. Via onze gedragscode voor leveranciers maken we ook duidelijk dat we van onze leveranciers verwachten dat ze efficiënt omgaan met hulpbronnen; de gedragscode vermeldt ook expliciet onze verwachting dat onze leveranciers ernaar streven om het watergebruik in hun productieprocessen en diensten te verminderen. Materiële impact, risico's en opportuniteiten en interactie met strategie en businessmodel: ESRS- onderwerp Materiële IRO’s IRO beschrijving IRO oorsprong (up/down/eigen operaties) Tijdshorizon Effecten en reacties van Belysse E3 Waterverbruik Uitputting van grond- water voor gebruik in de productieprocessen in Tielt Eigen operaties Actuele impact Belysse is voortdurend op zoek naar innovatie in haar producten en productieprocessen om haar waterbehoefte te verminderen. Daarnaast maximaliseren we het gebruik van regenwater en grijs water waar technisch haalbaar en maken we deel uit van het WaterProof project in Tielt om de opvang van regenwater in het gebied verder te verbeteren Potentiële impact van verhoogde water- schaarste in de regio rond de fabriek in Tielt door hoog waterverbruik in de omgeving Eigen operaties 1 – 5 jaar Belysse evalueert momenteel de verschuiving van producten naar productieprocessen die aanzienlijk minder water vereisen, en neemt voorbereidende stappen om mogelijks waterrecyclage ter plaatse mogelijk te maken E3-1 Beleid met betrekking tot water en mariene grondstoffen Het kwaliteits-, milieu- en energiebeleid van Belysse geeft onze ambitie aan om efficiënt gebruik te maken van natuurlijke hulpbronnen, waarvan water een belangrijke is, aangezien onze productieprocessen, met name verven en bedrukken, sterk afhankelijk zijn van water. Waterschaarste is een wereldwijd probleem dat nog toeneemt door de klimaatopwarming. Belysse zoekt daarom naar manieren om minder water te gebruiken. Hoewel het beleid productontwerp niet expliciet vermeldt, is het duidelijk geïdentificeerd als een belangrijk verbeterinitiatief en speelt het een grote rol in onze acties om ons waterverbruik te verminderen, zoals beschreven in sectie E3-2 Acties en middelen met betrekking tot water en mariene hulpbronnen. Onze aanpak om water op een meer duurzame manier te betrekken, begint eerst met conservatie; waar water moet worden gebruikt in onze processen, maximaliseren we het gebruik van opgevangen regenwater van de daken van onze productiefaciliteiten en het gebruik van grijs water. We hebben momenteel een eigen waterzuiveringsinstallatie op de site in Tielt en onderzoeken de mogelijkheden van verdere waterzuivering om hergebruik van water in onze productieprocessen mogelijk te maken, zoals verder beschreven in de sectie E3-2 Acties en middelen met betrekking tot water en mariene hulpbronnen. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 78 Alle drie de fabrieken bevinden zich in regio's met een hoog risico op waterschaarste, zoals blijkt uit de hoge scores in de WWF Water Risk Filter. Als gevolg van klimaatverandering worden langdurige periodes van droogte afgewisseld met periodes van extreme regenval, wat uitdagingen met zich meebrengt voor zowel het gebruik van grondwater als het maximaliseren van het gebruik van regenwater. Alle drie de fabrieken bevinden zich ook in regio's met een extreem hoge waterstress, op basis van de score van België en Californië in de Aquaduct tool van het World Resources Institute. Een van de managementsystemen die ons ondersteunt bij de uitvoering van ons milieubeleid, is de ISO 14001 methodologie die we hebben aangenomen voor onze Belgische sites. Hiermee hebben we een gestructureerde manier geïntroduceerd om doelstellingen te stellen, acties te definiëren en de effectiviteit daarvan te monitoren. Beide Belgische productiesites zijn ISO 14001 gecertificeerd door externe partijen. Voor onze Belgische fabrieken wordt het algemene beleid inzake Kwaliteit, Milieu en Energie verder aangevuld met een Waterprocedure die uitdrukkelijk tot doel heeft een efficiënt beheer van het waterverbruik te garanderen. Bentley Mills voldoet volledig aan de Los Angeles Sanitation Districts Regulation die het afvalwaterbeheer voor de stad Los Angeles en de omliggende gebieden regelt. Het hoogste niveau in de organisatie dat verantwoordelijk is voor de implementatie van deze beleidsverklaring is onze Operations Director voor Europa en onze President en Chief Operating Officer voor Bentley Mills. Ons kwaliteits-, milieu- en energiebeleid en onze doelstelling om onze wateronttrekking te verminderen, worden gepubliceerd op de website van Belysse; zowel onze doelstelling als de behaalde resultaten zijn sinds de doelstelling in 2018 is vastgesteld, in het jaarverslag gepubliceerd. Bij het opstellen van deze beleidsverklaring is er niet specifiek rekening gehouden met de belangen van stakeholders, hoewel de belangrijkste stakeholders geraadpleegd werden in onze analyse van dubbele materialiteit om water gerelateerde impact, risico’s en opportuniteiten te identificeren - en ons beleid gaat duidelijk in op beide geïdentificeerde impacten. Het bestaan van het 'WaterProof'-project geïnitieerd door de Vlaamse Overheid (verder beschreven in sectie E3-2) en het brede scala aan programma's gelanceerd door het California Department of Water Resources, benadrukt het belang van watergebruik voor stakeholders zoals de overheid, institutionele instanties en lokale gemeenschappen. Aangezien er in Belysse geen wateronttrekking of waterlozing van/in oceanen of zeeën is, hebben we geen beleid met betrekking tot duurzame oceanen en zeeën. E3-2 Acties en middelen met betrekking tot water en mariene grondstoffen 2024 Financiële middelen toegewezen aan het actieplan (OpEx) N.V.T Financiële middelen toegewezen aan het actieplan (CapEx) N.V.T In het BEYOND-programma hebben we ons ten doel gesteld om de waterintensiteit (wateronttrekking per m² geproduceerd tapijt) van onze activiteiten tegen 2030 met 30% te verminderen, gemeten ten opzichte van de baseline in 2018. Om dit doel te bereiken, hebben we een stappenplan opgesteld met twee pijlers, die parallel lopen. In beide pijlers is er een sterke focus op onze productiesite in Tielt, aangezien deze meer dan 80% van de totale wateronttrekking van de Belysse Group vertegenwoordigt. De geïdentificeerde acties om onze beoogde vermindering van de waterintensiteit te bereiken, worden jaarlijks herzien in het licht van technologische ontwikkelingen op het gebied van verven en hergebruik van water. Ten eerste willen we het totale waterverbruik beperken door onze verfactiviteit te verminderen. Bentley Mills maakt gebruikt van een continu verfproces in plaats van stukverven om hun waterverbruik te beperken. In Tielt is het doel om meer residentiële collecties te ontwikkelen met in de massa geverfde garens, waarvoor verven niet meer nodig is. Eind 2024 was 21% van de productie van residentieel kamerbreed tapijt in de massa geverfd. Deze toename van het gebruik van in de massa geverfde garens zal naar verwachting de helft van de beoogde vermindering van de wateronttrekking voor Belysse tegen 2030 opleveren. Ten tweede onderzoeken we de mogelijkheden om proceswater in Tielt te hergebruiken, waardoor we de grondwaterwinning verder kunnen afbouwen. 1. We brachten de waterstromen in de fabriek in kaart. 2. We hebben waterbesparende maatregelen gedefinieerd en zijn gestart met de implementatie ervan. Dit is een continue inspanning, maar wordt deels teniet gedaan door de kleinere productieruns die het gevolg zijn van productie op bestelling. 3. We definiëren de gewenste waterkwaliteit, gerelateerd aan de verschillende processen, met als doel het gebruik van regenwater en grijs water te maximaliseren, om ons grondwaterverbruik te verminderen. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 79 4. Ook de laatste stap, het bestuderen van de verschillende opties voor hergebruik van water, is gestart. De uitdaging bij deze stap is het feit dat opties voor hergebruik rechtstreeks verband houden met de kwaliteit van het geloosde water. Daarom is deze studie niet beperkt tot enkel het hergebruik van water, maar omvat deze ook aanvullende waterzuiveringstechnologieën (als onderdeel van onze acties om toekomstige emissies naar water te verminderen, behandeld in sectie E2 Pollutie) en het gebruik van alternatieve verfstoffen. Onze fabriek in Tielt bevindt zich op de industriële site 'Tielt Noord', een democase van het project 'WaterProof', geïnitieerd door de Vlaamse overheid. Het doel van het project is om het gebruik van water uit alternatieve bronnen zoals regenwater, gezuiverd industrieel afvalwater en drainagewater te maximaliseren. Dit project stelt ons in staat om water te gebruiken uit een groot regenwaterbassin dat dicht bij onze fabriek zal worden geïnstalleerd. De acties in de fabriek in Zele en Bentley zijn in de eerste plaats gericht op het verbeteren van de operationele efficiëntie, gezien hun relatief beperkte aandeel in de totale wateronttrekking van Belysse. E3-3 Doelstellingen met betrekking tot water en mariene grondstoffen Met betrekking tot waterverbruik zijn er geen verplichte doelstellingen opgelegd door de wetgeving, zolang we binnen de grenzen van onze milieuvergunning werken. Als onderdeel van het BEYOND-programma hebben we ons vrijwillig als doel gesteld om de waterintensiteit, gedefinieerd als wateronttrekking per m² geproduceerd tapijt, van onze activiteiten tegen 2030 met 30% te verminderen, gemeten ten opzichte van een 2018 baseline. Deze doelstelling omvat de volledige wateronttrekking uit elke bron (zoals beschreven in sectie E3-4 Waterverbruik) in onze drie productievestigingen en de volledige productie van tapijt en tapijttegels in deze fabrieken. Hoewel doelstelling 6.4 van de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties voor efficiënt watergebruik geen gekwantificeerde reductiedoelstelling heeft, is onze doelstelling in lijn omdat deze duidelijk bijdraagt aan de doelstelling om "tegen 2030 de efficiëntie van het watergebruik in alle sectoren aanzienlijk te verhogen..." Wateronttrekking (l/m² geproduceerd) Baseline 2018 Doel 2025 Doel 2030 17,3 -22% -30% Onze wateronttrekking wordt rechtstreeks gemeten uit de verschillende bronnen, met uitzondering van regenwater (dat ca. 16% van onze totale wateronttrekking vertegenwoordigt) dat wordt geschat op basis van de oppervlakte van het captatiegebied en uitgaat van een gemiddelde regenval over de jaren, aangezien we de werkelijke inname of het gebruik van regenwater in onze fabriek in Tielt niet meten. De belangrijkste belanghebbende die betrokken was bij het vaststellen van de doelstelling was de Raad van Bestuur die deze doelstelling heeft goedgekeurd. Onze prestatie ten opzichte van deze doelstelling eind 2024 is dat we een vermindering van 1,9% hebben bereikt van onze wateronttrekking in relatie tot onze productieactiviteiten: Wateronttrekking (incl. regenwater) 2018 2024 1.000 m² productievolumes 26.112 15.069 Wateronttrekking in m³ 452.630 256.356 Wateronttrekking in l / m² geproduceerd 17,3 17,0 Winst ten opzichte van de 2018 baseline -1,9% Voor onze Belgische activiteiten is de gemiddelde productierun de afgelopen jaren afgenomen als gevolg van onze strategie om meer op bestelling te produceren. Een nadeel van deze manier van werken is een hoger waterverbruik per geproduceerde m², omdat de grootte van de kleurstofvaten vastligt en is afgestemd op grote productieruns; bovendien vereist het reinigen van de vaten tussen productieruns een bepaalde hoeveelheid water, ongeacht de grootte van de productierun. Dit effect heeft de winst die is geboekt door efficiëntieverbeteringen gedeeltelijk teniet gedaan. Belysse heeft geen afzonderlijke doelen gesteld voor waterverbruik en waterlozing, aangezien deze waterstromen een direct gevolg zijn van onze wateronttrekkingen en onze geïdentificeerde IRO's specifiek verband houden met wateronttrekking. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 80 E3-4 Waterverbruik 2024 Europa US Belysse Totaal Waterverbruik * (m³) 55.266 46.233 101.499 Waterverbruik in gebieden met waterrisico * (m³) 55.266 46.233 101.499 Waterverbruik in gebieden met hoge waterstress * (m³) 55.266 46.233 101.499 Gerecycleerd en hergebruikt water ** (m³) N.V.T N.V.T N.V.T Opgeslagen water *** (m³) Niet gemeten N.V.T Niet gemeten Veranderingen in opgeslagen water *** (m³) Niet gemeten N.V.T Niet gemeten Water intensiteitsratio (waterverbruik in m³ per € omzet) 0,00044 0,00030 0,00036 Wateronttrekking (inclusief regenwater, m³) 214.594 46.233 260.827 Waterlozing * (m³) 159.328 Niet gemeten 159.328 * Waterlozing wordt verondersteld gelijk te zijn aan wateronttrekking voor Bentley. Dit is een vereenvoudiging omdat er een zekere mate van verdamping is in onze productieprocessen, maar de emissie van water naar lucht en het volume van de waterlozing worden niet gemeten. In onze fabrieken in Tielt en Zele beschikken we wel over werkelijke metingen van de waterlozing. ** Op dit moment is er geen waterrecyclage, aangezien de technische studie voor de fabriek van Tielt en de mogelijke impact op de kwaliteit van het geloosde water nog loopt. *** In Tielt en Zele hebben we weliswaar wateropslag om regenwater op te vangen, maar dit volume wordt niet gemeten en kan worden verondersteld relatief constant te zijn over de jaren heen, aangezien beide buffers een vaste capaciteit hebben. Onttrekking van regenwater in onze fabriek in Tielt wordt berekend op basis van gemiddelde regenval in plaats van werkelijke metingen. Het verschil met het onttrekkingscijfer voor productieactiviteiten in sectie E3-3 Doelstellingen met betrekking tot water en mariene hulpbronnen, is dat sectie E3-4 Waterverbruik ook waterverbruik omvat dat verband houdt met niet-productie gerelateerde activiteiten zoals landschapsirrigatie. Waterbronnen 2024 (m³) Europa US Belysse Totaal Totale wateronttrekking 214.594 46.233 260.827 Grondwater 112.650 - 112.650 Regenwater 42.326 - 42.326 Drinkwater 1.857 46.233 48.090 Grijs water 57.761 - 57.761 Totale afvoer 159.328 Niet gemeten 159.328 E3-5 Potentiële financiële effecten van impact, risico’s en opportuniteiten in verband met water en mariene grondstoffen Er zijn in 2024 geen grote incidenten, afzettingen of sanerings-/milieubeschermingskosten geweest. Verhoogde waterschaarste in de regio rond onze productiefaciliteit in Tielt kan leiden tot: • Minder beschikbaar grondwater of beperkingen op het grondwatergebruik als onderdeel van de omgevingsvergunning. Het potentiële financiële effect moet nog worden gekwantificeerd, aangezien de studie naar hergebruik van water nog loopt. • Prijsstijgingen van water. Het potentiële financiële effect is nog niet ingeschat, aangezien dit sterk wordt beïnvloed door factoren zoals klimaatverandering, inspanningen voor natuurbehoud, investeringen in waterinfrastructuur en beleidsbeslissingen - naast onze eigen inspanningen om wateronttrekking te verminderen en ons gebruik van regenwater in plaats van andere waterbronnen voortdurend te vergroten Daarnaast kan klimaatverandering leiden tot meer droogte of minder regenval en dus minder regenwater dat we kunnen opvangen via het dak van onze productiesites. Het pilootproject 'WaterProof' in de industriezone Tielt-Noord biedt wel een opportuniteit, want dit zal leiden tot meer beschikbaar regenwater voor de productieprocessen die geen hoogwaardigere waterbronnen vereisen. De transitie naar meer in de massa geverfde producten om onze afhankelijkheid van water te verminderen, vereist CAPEX- investeringen in flexibelere productiecapaciteiten. Aangezien deze transitie een belangrijke factor is om onze doelstelling op wateronttrekking te behalen, verwachten we dat deze investering geleidelijk zal plaatsvinden in de komende jaren. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 81 E5 - Gebruik van grondstoffen en circulaire economie E5.IRO-1 Beschrijving van processen voor het identificeren en beoordelen van het gebruik van grondstoffen en de impact, risico’s en opportuniteiten in verband met de circulaire economie De volgende informatie is door middel van verwijzing opgenomen: • Beschrijving van het proces om materiaal te identificeren IRO is opgenomen in de algemene vereisten IRO-1 sectie Onze IRO's zijn geïdentificeerd door te kijken naar de volledige waardeketen, upstream, eigen activiteiten en downstream, tot en met het einde van de levensduur van onze producten. De verschillende certificaten die we hebben voor onze producten, zoals levenscyclusanalyse / milieuproductverklaringen (EPD’s; environmental product declarations) en Cradle to Cradle, hebben bijgedragen aan onze IRO-identificatie. Als onderdeel van onze voortdurende inspanningen om ons gebruik van grondstoffen en de circulariteit van onze producten te verbeteren, gaan we regelmatig in gesprek met stakeholders zoals klanten, leveranciers, sectorfederaties en wetenschappelijke kenniscentra - deze groepen maakten ook deel uit van de stakeholders die we betrokken hebben in onze dubbele materialiteitsanalyse, dus er is rekening gehouden met hun feedback. E5 sub-topic Materiële impact, risico’s en opportuniteiten Scope (up/downstream/ eigen activiteiten) Tijdshorizon Instroom van grondstoffen (efficiëntie van grondstoffen) Negatieve impact Emissie van broeikasgassen door de winning en productie van grondstoffen Upstream Actuele impact Risico Potentiële aanzienlijke stijgingen van de grondstofkosten als gevolg van uitputting van fossiele bronnen in de loop van de tijd Upstream 5 – 10 jaar Uitstroom van middelen (operationeel afval) Negatieve impact Emissie van broeikasgassen door de behandeling van afval afkomstig van het productieproces en aan het einde van de levensduur van onze producten Downstream Actuele impact Instroom van grondstoffen (materiaalkeuze en eco-design) Positieve impact Verminderde uitstoot van broeikasgassen door het gebruik van gerecycleerde of biobased materialen te vergroten Upstream Actuele impact Negatieve impact Belysse betrekt een belangrijk deel niet-gerecycleerde grondstoffen, waardoor een lineair economisch systeem met winning van fossiele bronnen in stand wordt gehouden Upstream Actuele impact Risico Risico op verlies van marktaandeel, indien Belysse niet in staat zou zijn om voldoende grondstoffen met gerecycleerde of hernieuwbare inhoud tegen een economisch haalbare prijs te betrekken als gevolg van beperkte beschikbaarheid op de markt Upstream 1 – 5 jaar Opportuniteit Opportuniteit door de voorkeur van de klant voor producten met een lage ecologische voetafdruk Downstream 1 – 5 jaar Uitstroom van middelen (einde levensduur van producten) Negatieve impact Het merendeel van de tapijten en tapijttegels wordt aan het einde van de levensduur nog steeds verbrand, wat resulteert in de uitstoot van broeikasgassen. In sommige afzetregio's is storten ook nog toegestaan. Downstream Actuele impact Risico Risico op verlies van marktaandeel, mocht Belysse niet voldoen aan de eis van zijn klanten om recycleerbare producten te maken Downstream 1 – 5 jaar Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 82 Het Akkoord van Parijs, de EU Green Deal en vele andere regelgeving en initiatieven stellen ambitieuze doelstellingen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. De toepassing van de beginselen van een circulaire economie is essentieel om deze doelstellingen te behalen. Ons grondstoffenverbruik heeft een directe invloed op onze scope 3 koolstofemissies; hoeveel materialen gebruiken we? Hoe gebruiken we ze in onze producten? Waar halen we onze grondstoffen vandaan en wat is hun oorsprong? Eco-design houdt meer in dan enkel bewust omgaan met onze grondstoffen. Het is net zo belangrijk om de technische eigenschappen van producten aan te passen zodat ze aan het einde van hun levensduur recycleerbaar zijn. Een belangrijke stap in de richting van circulariteit is het gebruik van gerecycleerde of hernieuwbare/biobased grondstoffen. Dit vertaalt zich in de ecologische voetafdruk van onze producten, die aanzienlijk lager is voor producten met een hoger gerecycleerd gehalte. Bovendien vermindert het gebruik van gerecycleerd materiaal uiteindelijk het gebruik van nieuwe grondstoffen. Onze klanten worden zich steeds meer bewust van de milieu-impact van de producten die ze kopen. Steeds vaker vergelijken ze verschillende producten op basis van hun gerecycleerde inhoud en ecologische voetafdruk. In Europa stimuleren overheden dit door minimumeisen te stellen aan beide parameters bij openbare aanbestedingen. Het inkopen van grondstoffen met gerecycleerd materiaal is echter een grotere uitdaging geworden. De vraag naar dit soort materialen is hoger dan het huidige aanbod, wat gevolgen heeft voor hun kosten en beschikbaarheid. Het is veelbelovend dat er een hoog niveau van innovatie plaatsvindt voor zowel nieuwe recyclagetechnologieën als de ontwikkeling van biobased materialen. Toch is de beschikbaarheid van deze nieuwe ontwikkelingen op dit moment nog vrij laag. De geringe beschikbaarheid van gerecycleerde of hernieuwbare materialen wordt nog nijpender door onze specifieke eisen aan dit soort materialen. Belysse eist van haar leveranciers van gerecycleerde materialen dat ze een door een derde partij geverifieerd 'Certificaat van Oorsprong' voorleggen, als garantie dat het materiaal inderdaad gerecycleerd of hernieuwbaar is. Bovendien moeten gerecycleerde materialen voldoen aan onze verwachtingen met betrekking tot de gezondheid van het materiaal en de aanwezigheid van restchemicaliën. Met name voor post-consumer gerecycleerde materialen is het vaak niet eenvoudig om te bewijzen dat het product inderdaad voldoet, vanwege de herkomst van het afval. E5-1 Beleid met betrekking tot het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie Het kwaliteits-, milieu- en energiebeleid van Belysse geeft onze ambitie aan om efficiënt gebruik te maken van natuurlijke grondstoffen. Dit omvat efficiëntie met betrekking tot kritieke grondstoffen en bewuste materiaalkeuze en eco-design, waardoor niet alleen onze eigen activiteiten worden bestreken, maar de impact ervan ook wordt uitgebreid naar onze upstream waardeketen (instroom van grondstoffen). Onze actieve ondersteuning van de transitie van een lineaire naar een circulaire economie draagt ook bij aan deze algemene ambitie, door ons productieafval te beheren en het einde van de levensduur van onze producten aan te pakken, met als doel een positieve impact te hebben op onze downstream waardeketen (uitstroom van middelen). De verantwoordingsplicht op het hoogste niveau voor de uitvoering van dit aspect van het kwaliteits-, milieu- en energiebeleid wordt gedeeld door: • Efficiëntie van grondstoffen, Operationeel afval: onze Operations Director voor Europa en onze President en Chief Operating Officer voor Bentley Mills • Materiaalkeuze en eco-design, Producten aan het einde van hun levensduur: onze Product & Marketing Director voor Europa en onze Senior Director of Sustainability & Technical voor Bentley Mills Ons kwaliteits-, milieu- en energiebeleid is gepubliceerd op de website van Belysse; de bijbehorende doelstellingen zoals beschreven in deel E5-3 ‘Doelstellingen met betrekking tot het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie’ en de bereikte resultaten, zijn gepubliceerd in het jaarverslag, sinds de doelstellingen respectievelijk in 2018 (recyclage van afval) en 2022 (gerecycleerde inhoud) zijn vastgesteld. E5-2 Acties en middelen in verband met het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie Instroom van grondstoffen (efficiëntie van grondstoffen) Onze primaire focus ligt op het verminderen van ons totale grondstoffenverbruik, door afval in het productieproces te verminderen en door het productgewicht te verlagen met behoud van dezelfde prestaties. Dat laatste geldt vooral voor tapijttegels. modulyss introduceerde in 2020 de 'ecoBACK'-tapijttegel die 25% lichter was dan de conventionele backings. De PLUS-collectie die in 2024 werd gelanceerd, heeft een verbeterde versie van deze backing met een verdere gewichts-vermindering, waardoor deze 48% lichter is dan onze Back2Back-oplossing en die 80% gerecycleerd materiaal en biobased materiaal bevat. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 83 Deze ontwikkelingen zijn vooral gebaseerd op de feedback van onze klanten en de nauwe samenwerking van onze Research & Development-teams met wetenschappelijke kenniscentra. Instroom van grondstoffen (materiaalkeuze en eco-design) • Bentley Premium TM -vezels zijn geselecteerd uit de hoogste kwaliteit nylon die beschikbaar is. Bentley Mills bepaalt de standaard voor garenprestaties en de het aandeel gerecycleerde grondstoffen in het garen. Het garensysteem is zo ontworpen dat het keer op keer kan worden hergebruikt, vuilbestendig is, veerkrachtig blijft en textuur en kleur behoudt, zelfs onder de meest uitdagende omstandigheden. • Bentley Mills breidde in 2023 hun zilveren C2C-certificering uit naar al zijn backing platformen. • Bentley Mills heeft ervoor gekozen om de NSF/ANSI 140 Sustainability Assessment standard for Carpet na te leven. Deze norm is ontwikkeld via een op consensus gebaseerd openbaar proces door een groep van Amerikaanse fabrikanten, leveranciers, regelgevende instanties en andere belangengroepen, en is gebaseerd op de principes van levenscyclusanalyse, waaronder het gebruik van gerecycleerde grondstoffen en eco-design. Bentley Mills heeft de NSF/ANSI 140-audit met succes afgerond en kan bogen op een certificering voor al zijn producten, met de 12 verschillende rugafwerkingen. Drie ervan behaalden het Platinum-niveau, de andere bereikten het Gold-niveau. • Ympact is het kwaliteitslabel voor duurzame garens voor Belysse Europe. Het Ympact-kwaliteitslabel wordt toegekend aan verschillende innovatieve soorten garens, waaronder 100% gerecycleerd polyester, 100% geregenereerd PA6 econyl en ons intern geproduceerde PA6-garen met 35% toegewezen gerecycleerd materiaal. In 2024 lanceerde modulyss 8 nieuwe collecties, 4 met 100% geregenereerd PA6 econyl en 4 met 75% gerecycleerd PA6. • De modulyss lichtgewicht ecoBACK PLUS-backing die in 2024 werd gelanceerd, gebruikt een hoog gehalte aan gerecycleerde grondstoffen en gebruikt daarnaast ook biobased materialen. Een belangrijk aandachtspunt van onze R&D-afdeling is het continu zoeken naar mogelijkheden om het ontwerp van onze producten aan te passen om de recycleerbaarheid te verbeteren. • De ecoBACK en comfortBACK ECO backings van modulyss zijn ontworpen om gerecycleerd te worden. Dit wordt erkend door het Cradle to Cradle (C2C) instituut, dat hoge normen hanteert voor 'productcirculariteit'. Zowel ecoBACK als comfortBACK ECO zijn gecertificeerd op goud niveau. Gerecycleerd materiaal (gewicht / gewicht %) Merk Baseline 2021 2022 2023 2024 Doelstelling 2025 (zoals vastgelegd in 2020) modulyss 35,1% 51,9% 52,9% 58,9% 50% Bentley Mills 29,5% 24,5% 33,6% 40,7% 50% Cradle to Cradle- certificeringsniveau modulyss ITC Bentley Mills Aantal C2C gecertificeerde producten Brons 0 2 0 Zilver 210 0 121 Goud 173 0 0 Aantal C2C gecertificeerde backing platformen Brons 0 1 0 Zilver 0 0 12 Goud 2 0 0 Uitstroom van middelen (operationeel afval) In de algemene context van ons milieu-, kwaliteits- en energiebeleid dat gericht is op een efficiënt gebruik van natuurlijke grondstoffen en Belysse dat de transitie van een lineaire naar een circulaire economie actief ondersteunt, is een van de principes van deze circulaire economie het elimineren van afval. Dit kan worden bereikt door het ontwerp en het proces aan te passen om de hoeveelheid afval te verminderen, of door afval te herwaarderen zodat het een grondstof wordt voor onze eigen producten of voor een ander product. Bij Belysse omvat bedrijfsafval restanten uit productie en verpakkingsmateriaal. Sinds 2012 zorgen we ervoor dat er geen afval van de Belgische productiesites naar de stortplaats gaat. In de VS kan dit niet worden gegarandeerd vanwege de beschikbare afvalverwerkingspraktijken. Onze ambitie voor 2030 is om het afval dat afkomstig is van onze productielijnen (bv. resten en overschotten) maximaal te recycleren, met als doel al het afval te laten recycleren, hetzij intern via een gesloten lus recyclage, hetzij door externe partners. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 84 We streven er voortdurend naar om de operationele afvalvolumes in elke stap van ons productieproces, in al onze productievestigingen, te verminderen. Na reductie komt recyclage. We richten ons op interne recuperatie van niet-gebruikte materialen. • Al meer dan 10 jaar zijn we in staat om snijafval van tapijttegels die in onze fabriek in Zele worden geproduceerd, te recycleren. De randen worden eerst verkleind en vervolgens verwerkt als vulmateriaal in de backing van nieuwe producten. Pas in 2022 hebben we meetapparatuur geïnstalleerd om na te gaan hoeveel afval we eigenlijk recycleren. Sindsdien hebben we met succes gewerkt aan het verwerken van meer afval. De volumes zijn al twee jaar op rij gestegen. We recycleren nu niet alleen randen, maar ook afgekeurde tapijttegels. • Daarnaast hebben we in Zele in de loop van 2024 verbeteringsprojecten gelanceerd op de 4 grootste afvalstromen met de bedoeling deze stromen te minimaliseren en te optimaliseren door middel van continue verbetering. • In Tielt hebben we in 2024 ingezet op het verminderen van garenafval, folie en karton, hebben we de gescheiden inzameling van organisch afval geïntroduceerd en in het algemeen een betere afvalsortering aan de bron. • W anneer reductie (eliminatie) of interne recyclage niet mogelijk zijn, zoeken we naar externe partners die ons afval kunnen inzamelen, opnieuw met als doel om recyclage te maximaliseren. • We scheiden ons afval in meer dan 20 fracties voor gescheiden inzameling. Uitstroom van middelen (einde levensduur van producten) De meeste van onze producten, zowel in de VS als in Europa, zijn gebaseerd op polyamide, wat resulteert in een uitstekende duurzaamheid van het product, zoals blijkt uit de garantieperiodes die worden vermeld in sectie E5-5 Uitstroom van middelen. Het toepassen van onze onderhoudshandleidingen voor eindgebruikers draagt verder bij aan deze lange levensduur van onze producten. Er wordt ook veel aandacht besteed aan het ontwerpen van onze producten vanaf het begin voor eenvoudigere recycleerbaarheid, als onderdeel van onze huidige product terugwinnings- en recyclageprogramma's, evenals het initiëren van bredere toekomstige samenwerkingen met recyclage partners. We blijven actief recyclagetechnologieën ontwikkelen met externe partners, zowel via 1-op-1-initiatieven met deze partners als via partnerschappen in sectorbrede projecten. In 2019 zijn we gestart met de ontwikkeling van een nieuwe backing voor onze modulyss tapijttegels, ecoBack. In 2021 ontwikkelden we een tweede backing met verbeterde akoestische eigenschappen, comfortBACK ECO. In 2024 hebben we een derde backing ontwikkeld met biobased inhoud en een nog lager gewicht, ecoBack PLUS. Eén van de belangrijkste voordelen en doelstellingen van deze backings is de mogelijkheid om tapijttegels met deze backings te demonteren voor het recycleren van de grondstoffen: tegels met deze backings kunnen mechanisch worden gedemonteerd om de verschillende componenten te scheiden, waardoor deze grondstoffen daarna kunnen worden gerecycleerd, als onderdeel van onze focus op circulair ontwerp. Gezien de lange levensduur van onze producten, is geen van deze soorten backing gerecycleerd omdat de producten nog steeds in gebruik zijn; Ondertussen werken we samen met verschillende partners om ons recyclageproces en de demontagetechnologie verder te verbeteren. Ons doel is om de terugwinning van alle grondstoffen op hun waarde te maximaliseren met een zo laag mogelijke ecologische voetafdruk. Al onze backings voor Bentley zijn al gebaseerd op polyolefine met vergelijkbare recycleerbaarheidseigenschappen als de modulyss polyolefine backings. 0 20 40 60 80 100 120 140 160 180 200 2022 2023 2024 Interne recyclage tapijtafval (modulyss) External processing (kg/1000m² produced) Internal processing (kg/1000m² produced) Interne verwerking (kg/1000m² geproduceerd) Externe verwerking (kg/1000m² geproduceerd) Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 85 In het kader van ons terugnameprogramma voor modulyss werken we samen met verschillende externe partners om afgedankte tapijttegels waar mogelijk te hergebruiken en indien hergebruik niet mogelijk is, te laten recycleren; daarnaast biedt de extra lijn die we in 2023 hebben geïnstalleerd om commerciële tapijttegels in kleine oplages op maat te printen, de mogelijkheid om tegels herop te waarderen en te bedrukken met een nieuw ontwerp. Alle nieuwe modulyss collecties worden standaard gelanceerd op ecoBACK, comfortBACK ECO of ecoBACK PLUS, om onze gemakkelijkste recycleerbare backing oplossing bij onze klanten te promoten. In ons modulyss tapijt take back programma werken we samen met lokale partners in België, Nederland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk om oude tapijttegels op de meest duurzame manier te hergebruiken en te recycleren. Samen werken we aan het verminderen van afval en het bevorderen van een groenere toekomst. Als specifiek voorbeeld werken we in het VK samen met Uplyfted, dat in het hele VK zo goed als nieuwe tapijttegels levert en installeert, op maat gemaakt voor aanbieders van sociale huisvesting. We maakten deel uit van Uplyfted’s proefsamenwerking en waren de eerste producent van tapijttegels die een overeenkomst ondertekende om met Uplyfted samen te werken voor de terugname van onze tapijttegels. Ondertussen zijn er al verschillende terugnames gerealiseerd. Het FULFILL TM terugnameprogramma van Bentley Mills heeft sinds 1994 meer dan 250 miljoen pond tapijtmateriaal van Noord- Amerikaanse stortplaatsen afgeleid. We doen er alles aan om te voorkomen dat tapijtmateriaal, ongeacht de fabrikant of het materiaaltype, op een stortplaats terechtkomt. We coördineren het transport en de verwerking van het gebruikte tapijt van onze klanten en leveren terugname-certificaten die de bijbehorende recyclage inspanningen en toewijding aan milieubeheer erkennen. Er zijn in 2024 geen specifieke OpEx of CapEx investeringen geweest in verband met de acties die we ondernemen op het gebied van gebruik van grondstoffen en circulaire economie; alle acties maken deel uit van de business as usual activiteiten van onze Operations, HSE, Product Development en R&D-teams. 2024 Financiële middelen toegewezen aan het actieplan (OpEx) N.V.T Financiële middelen toegewezen aan het actieplan (CapEx) N.V.T E5-3 Doelstellingen met betrekking tot het gebruik van grondstoffen en de circulaire economie Beschrijving van het doel Gerelateerd beleid Streefniveau & streefjaar Scope (activiteiten, waardeketen, geografieën, specifieke groep) Vrijwillige of verplichte doelstellingen (wetgeving) Algemene vooruitgang 2024 Instroom van grondstoffen: Het gebruik van gerecycleerde materialen in onze producten verhogen Het relevante beleid wordt beschreven in E5-1 50% tegen 2025 voor modulyss en Bentley Mills Selectie van grondstoffen (upstream) Vrijwillig modulyss: 58,9% Bentley Mills: 40,7% Uitstroom van middelen: De recyclage van afval van onze productielijnen maximaliseren Het relevante beleid wordt beschreven in E5-1 100% tegen 2030 Operationeel afval (eigen operaties) Vrijwillig Belysse: 30,1% Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 86 Instroom van grondstoffen (materiaalkeuze en eco-design) Een belangrijke stap in de richting van circulariteit is het gebruik van gerecycleerde of hernieuwbare grondstoffen. Dit vertaalt zich in de ecologische voetafdruk van onze producten, die aanzienlijk lager is voor producten met een hoger gehalte gerecycleerde materialen. Bovendien heeft het gebruik van gerecycleerd materiaal een directe invloed op het gebruik van grondstoffen - aangezien gerecycleerde materialen worden gebruikt in plaats van primaire grondstoffen, verminderen ze uiteindelijk ons verbruik van nieuwe grondstoffen. We hebben onszelf de ambitie gesteld om het gerecycleerde of hernieuwbare gehalte in onze producten te verhogen, met als doel om tegen 2025, 50% gerecycleerd materiaal in onze modulyss en Bentley Mills producten te bereiken. Alle gerecycleerde inhoud in de materialen die we gebruiken, is door externe partijen geverifieerd en gecertificeerd. Het percentage gerecycleerd materiaal wordt gedefinieerd als het aandeel gerecycleerde grondstoffen, in verhouding tot ons totale grondstoffenverbruik over alle producten. De belangrijkste belanghebbende bij het vastleggen van deze doelstellingen is de Raad van Bestuur die deze doelstellingen heeft goedgekeurd. Uitstroom van middelen (operationeel afval) Onze doelstelling inzake gerecycleerde inhoud heeft per definitie betrekking op de duurzame aankoop en het duurzame gebruik van hernieuwbare grondstoffen, en deze relatie wordt verder versterkt door de acties die we ondernemen om de recycleerbaarheid te verbeteren, om uiteindelijk een "gesloten lus" voor belangrijke grondstoffen te bereiken. Een goed voorbeeld is het gebruik van gerecycleerd PA6-granulaat en garens – met name de chemische recyclage van polyamide maakt het mogelijk om het materiaal bijna onbeperkt te hergebruiken zonder degradatie, in overeenstemming met het cascade principe. Onze doelstelling voor het recycleren van afval van onze productielijnen heeft betrekking op het recyclage niveau de afvalhiërarchie. We hebben ook verschillende acties ondernomen voor het hergebruik van onze producten door middel van terugnameprogramma's met verschillende partners en heropwaarderen van tegels dat mogelijk is op onze eigen tapijttegeldruklijn die in 2023 is geïnstalleerd, maar we hebben nog geen specifieke doelstellingen voor deze acties. Voor ons "Take Back, Give Back"-programma selecteren we bewust partners die hergebruik van onze producten over hun volledige technische levensduur opschalen voor we recyclage overwegen, aangezien hergebruik de oplossing is die het hoogst scoort in de hiërarchie van de circulaire economie. Daarnaast hebben we de ambitie om het afval dat afkomstig is van onze productielijnen (bv. resten en overschotten) maximaal te recycleren, hetzij ter plaatse door middel van interne ‘gesloten lus’ recyclage, hetzij door externe partners. Om deze recyclage ambitie te helpen realiseren, scheiden we al ons afval in fracties om interne en/of externe recyclage te maximaliseren. Externe recyclage en elke andere vorm van afvalverwerking wordt gecertificeerd door de afvalverwerkers. Als onderdeel van onze ambitie voor 2030 om de recyclage van het afval dat van onze productielijnen komt te maximaliseren, houden we het totale afval dat door onze activiteiten wordt gegenereerd en het aandeel gerecycleerd afval nauwlettend in de gaten. Deze doelstelling en onze prestaties ten opzichte van de doelstelling zijn gepubliceerd in ons jaarverslag, sinds deze doelstelling in 2018 werd gedefinieerd en goedgekeurd door de Raad van Bestuur. 2024 Afval Europa US Belysse Totaal Totaal afval (ton) 7.605 2.003 9.607 Gerecycleerd afval (ton) 2.422 473 2.895 Gerecycleerd afval (%) 31,9% 23,6% 30,1% Soorten afvalverwerking (2024) Niet-afgevoerd afval Gevaarlijk afval Niet-gevaarlijk afval Hergebruik (intern) - - Recyclage (intern) * - 674 Hergebruik (extern) - 49 Recyclage (extern) 1 2.221 Ander - - Afgevoerd afval Gevaarlijk afval Niet-gevaarlijk afval Verbranding - 5.090 Storten - 1.527 Ander 9 36 Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 87 * Interne recyclage van tapijttegelafval in Zele. Dit wordt gerapporteerd als een uitstroom van middelen, aangezien het een operationele afvalstroom is, hoewel we deze ter plaatse recycleren in plaats van buiten de productiesite via een externe partij Op dit moment hebben we geen specifieke doelstellingen voor: • Efficiëntie van grondstoffen: we blijven ons aanbod van meer geavanceerde backing-opties uitbreiden en promoten, maar het is uiteindelijk de keuze van de klant en de marktacceptatie die het verkochte volume van deze lichtere producten zullen bepalen. • End-of-life van producten: we ontwerpen onze producten voor recyclage, werken nauw samen met onze partners voor product terugwinning en recyclage en zoeken actief naar nieuwe partners, maar zijn daarom ook afhankelijk van het bestaan en het succes van dergelijke partners in de verschillende markten. E5-4 Instroom van middelen De belangrijkste materiaalinstromen voor Belysse zijn aangegeven in onderstaande schematische voorstelling van onze productiestromen: Eenheden 2024 Totaalgewicht van de producten en technische en biologische materialen die tijdens de verslagperiode zijn gebruikt Ton 53.280 Percentage biologische materialen (en biobrandstoffen die voor niet-energetische doeleinden worden gebruikt) % 4,6% Het absolute gewicht van secundaire hergebruikte of gerecycleerde materialen, secundaire tussenproducten en secundaire materialen die worden gebruikt voor de vervaardiging van de producten en diensten van de onderneming (met inbegrip van verpakking) Ton 17.770 Percentage secundaire hergebruikte of gerecycleerde componenten, secundaire tussenproducten en secundaire materialen % 33,4% De bovenstaande percentages zijn berekend als massa op massa. Dubbeltellingen worden vermeden door te kijken naar de instroom van grondstoffen en door intercompany aankopen van halffabrikaten en eindproducten tussen de verschillende Belysse entiteiten te elimineren. Er is een verschil in de berekeningsmethode van gerecycleerd materiaal in de producten en verpakkingen tussen Europa en Bentley: • Europa berekent dit op basis van alle ingekochte materialen en verpakkingen tijdens FY2024 • Bentley berekent dit op basis van alle verkochte producten (inclusief verpakking) tijdens FY2024 Deze berekeningsmethoden zijn in overeenstemming met eerdere jaarverslagen en het gebruik van deze twee verschillende methoden is een bewuste keuze, vanwege het hoge niveau van intercompany-stromen tussen de fabrieken in Tielt en Zele - vertrekken vanuit de aankopen buiten de perimeter van Belysse zorgt voor een robuustere manier om mogelijke dubbeltellingen te vermijden. Er is geen verschil in berekeningsmethode van biologische materialen, zowel Europe als Bentley berekenen dit op basis van de ingekochte materialen en verpakkingen. Er wordt momenteel geen gebruik gemaakt van biobrandstoffen voor niet- energetische doeleinden in Belysse. Polyamide granulaten Eigen garen- productie Extern aangekochte garens (hoofdzakelijk polyamide) Backing materialen, bv. latex en latex- verbindingen Voor tegels: bitumen of polyolefinen en vulstoffen Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 88 E5-5 Uitstroom van middelen De belangrijkste materiaaluitstromen voor Belysse zijn aangegeven in de onderstaande schematische voorstelling van onze productiestromen: Belangrijkste circulair ontworpen productgroepen Korte beschrijving Verwachte duurzaamheid (in relatie tot sectorgemiddelden) Percentages van recycleerbare inhoud * Commerciële tapijttegels Tapijttegels voor commercieel gebruik • Europa: 15 jaar garantie • VS: 5 backing platformen - 15 jaar garantie Onze garanties zijn in lijn met de industrienormen voor polyamide commerciële tapijttegels • Europa: 90% voor C2C-gecertificeerde collecties, nog niet gemeten voor collecties die niet C2C- gecertificeerd zijn • VS: nog niet gemeten Commercieel kamerbreed tapijt Kamerbreed tapijt voor commercieel gebruik • Europa: niet gemeten, hangt af van de commerciële gebruiksklasse • US: • 6' kamerbreed tapijt: 2 backing platformen - 20 jaar garantie • 12' kamerbreed tapijt: 2 backing platformen - 10 jaar garantie • 12' kamerbreed tapijt: 3 backing platformen - 15 jaar garantie Niet gemeten Residentiële tapijttegels Tapijttegels voor residentieel gebruik (enkel Europa) Niet gemeten, hangt af van het garentype en residentiële gebruiksklasse Niet gemeten Residentieel kamerbreed tapijt Kamerbreed tapijt voor residentieel gebruik (enkel Europa) Niet gemeten, hangt af van het garentype en residentiële gebruiksklasse Niet gemeten Verpakking Verpakkingen gebruikt voor onze tegels (kartonnen dozen, paletten) en kamerbreed tapijt (kartonnen kegels, folie) - • Europa: 99% voor commerciële tapijt- tegels, niet gemeten voor andere producten • Verenigde Staten: 99% * Opmerking: dit zijn de percentages zonder mogelijke downcycling; inclusief downcycling zou de recycleerbaarheid 100% zijn voor alle productcategorieën De bovenstaan de percentages zijn berekend als massa op massa. Mogelijkheid tot herstelling is niet van toepassing op tapijten of tapijttegels. We geven onze klanten duidelijke onderhouds- en reinigingsaanbevelingen om de levensduur van onze producten te maximaliseren. Ecru garens Pre- coating Verven Zware coating Snijden Commerciële tegels In de massa geverfde garens Ecru garens Pre- coating Verven Commercieel kamerbreed In de massa geverfde garens Ecru garens Pre- coating Verven Snijden Residentiële tegels In de massa geverfde garens Ecru garens Pre- coating Verven Residentieel kamerbreed In de massa geverfde garens Zware coating Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 89 Operationeel afval 2024 Afval Europa US Belysse Totaal Totaal afval (ton) 7.605 2.003 9.607 Gerecycleerd afval (ton) 2.422 473 2.895 Gerecycleerd afval (%) 31,9% 23,6% 30,1% Niet-gerecycleerd afval (ton) 5.183 1.530 6.713 Niet-gerecycleerd afval (%) 68,1% 76,4% 69,9% De belangrijkste afvalstromen zijn allemaal specifiek voor onze sector, omdat ze het resultaat zijn van onze productie- processen: - Afvalwater, voornamelijk afkomstig van onze verf & druk en latex processen - Slib afkomstig van onze afvalwaterzuivering in Tielt, voornamelijk het afvangen van vaste stoffen zoals latex en pigmenten die worden gebruikt in verf & druk - Tapijtafval van latex, voornamelijk bestaande uit polyamide, polyester, polypropyleen, latex, aluminiumtrihydroxide, polyolefine of bitumen, CaCO 3 - Niet-gelatexeerd tapijtafval, voornamelijk bestaande uit polyamide, polyester, polypropyleen - Garenresten, voornamelijk bestaande uit polyamide - Karton dat wordt gebruikt als garenkokers en in verpakkingen De afvalcijfers die in dit duurzaamheidsverslag worden gerapporteerd, hebben betrekking op onze productiefaciliteiten en niet op het verwaarloosbare afval van andere locaties, zoals showrooms. Soorten afvalverwerking (2024) Niet-afgevoerd afval Gevaarlijk afval Niet-gevaarlijk afval Radioactief afval Hergebruik (intern) - - - Recyclage (intern) - 674 - Hergebruik (extern) - 49 - Recyclage (extern) 1 2.221 - Ander - - - Subtotaal 1 2.944 - Afgevoerd afval Gevaarlijk afval Niet-gevaarlijk afval - Verbranding - 5.090 - Storten - 1.527 - Ander 9 36 - Subtotaal 9 6.653 - Totaal 10 9.597 - Alle bovenstaande cijfers zijn gebaseerd op werkelijke wegingen uitgevoerd door de externe afvalverwerker of recyclagepartner wanneer ze ons afval inzamelen, en op werkelijke wegingen in onze eigen operaties voor interne recyclage. Percentages worden berekend als massa op massa. Ook de classificatie per verwijderingsmethode is gebaseerd op informatie van de afvalverwerker of recyclagepartner, op de bijbehorende facturen van de afvalstroom. Milieu-informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 90 E5-6 Potentiële financiële effecten van het gebruik van grondstoffen en impact, risico’s en opportuniteiten in verband met de circulaire economie Mocht Belysse door de beperkte beschikbaarheid op de markt niet in staat zijn om voldoende grondstoffen met gerecycleerde of hernieuwbare inhoud tegen een economisch haalbare prijs aan te kopen, dan bestaat er een risico om marktaandeel te verliezen. Tijdens de dubbele materialiteitsanalyse werd dit risico op middellange termijn als materieel beschouwd, met een aanzienlijke potentiële financiële impact. Om dit risico te beperken, werkt Belysse actief aan het vergroten van het aandeel gerecycleerde grondstoffen en onderzoekt het bedrijf voortdurend mogelijkheden om biobased materialen te gebruiken. Een goed voorbeeld hiervan is de lancering in 2024 van de modulyss PLUS-collectie met behulp van onze nieuw ontwikkelde, lichtere ecoBACK PLUS backing met biobased materiaal en de lancering van 8 nieuwe collecties, 4 met 100% geregenereerd PA6 econyl en 4 met 75% gerecycleerd PA6. Als onderdeel van de transitie van bepaalde collecties van PA6.6 naar PA6-garens vanaf 2023, heeft Bentley van de gelegenheid gebruik gemaakt om het aandeel gerecycleerde garens te verhogen van typisch 20% gerecycleerd PA6.6 naar 100% gerecycleerd PA6. De toenemende belangstelling van klanten voor producten met een lage koolstofvoetafdruk en mogelijke verdere wijzigingen in de wetgeving om klanten te stimuleren om rekening te houden met de koolstofvoetafdruk van het product in hun beslissingsproces, biedt Belysse ook een opportuniteit om op middellange termijn marktaandeel te veroveren, met een vergelijkbare maar positieve potentiële financiële impact. Een ander risico in verband met de circulaire economie is het risico om op middellange termijn marktaandeel te verliezen als Belysse niet zou kunnen voldoen aan de vraag van zijn klanten naar recycleerbare producten, met een vergelijkbare potentiële financiële impact. Om dit risico te beperken, onderzoekt Belysse voortdurend de mogelijkheden om de samenstelling van haar producten en de bijbehorende productieprocessen te veranderen, om de recycleerbaarheid van haar producten te vergroten, in nauwe samenwerking met verschillende instituten en leveranciers. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 91 S1 - Eigen personeelsbestand S1-SBM2 Belangen en standpunten van stakeholders De duurzaamheidsverslaggeving van Belysse is van toepassing op alle eigen werknemers en contractoren. Dit omvat arbeiders op de loonlijst, bedienden op de loonlijst en contractoren. De overeenkomstige belangrijke groepen stakeholders zijn natuurlijk de werknemers zelf en instanties die de werknemers vertegenwoordigen, zoals vakbonden. De interactie van Belysse met deze stakeholdergroepen en de manier waarop rekening wordt gehouden met de resultaten van deze interacties, worden beschreven in de onderstaande tabel: Belangrijkste groepen stakeholders Participatiemethode Doel van de participatie Uitkomstoverweging (gerelateerd aan strategie en businessmodel) Werknemers • Enquêtes over welzijn en betrokkenheid • Town hall meetings • Zorgen voor open tweerichtings-communicatie met onze werknemers • Een duidelijk begrip stimuleren van de visie en strategie van Belysse • Zorgen voor betrokkenheid van werknemers • Een positieve werkomgeving bevorderen • Regelmatige formele en informele communicatie door management • Aanpassingen van het bedrijfsbeleid Verbeteringen en actieplannen die ingaan op specifieke verzoeken of zorgen van werknemers Vakbonden • Regelmatige vergaderingen zoals ondernemingsraden en CPBW (Comités voor Preventie en Bescherming op het Werk) • Zorgen voor een open en communicatieve relatie met onze werknemers en de vakbonden • Ervoor zorgen dat we voldoen aan alle haalbare verzoeken met betrekking tot onze manier van werken • Verbeteringen en actieplannen die ingaan op specifieke verzoeken of bezorgdheden van werknemers S1-SBM3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel S1 – Eigen personeelsbestand Gezondheid en veiligheid op het werk Negatieve impact Werknemers in de fabrieken werken met machines, wat een inherent veiligheidsrisico met zich meebrengt. Sommige taken zijn ergonomisch veeleisend Eigen operaties Actuele impact Als overtuigde voorstanders van lichamelijk en geestelijk welzijn op de werkplek, blijven gezondheid en veiligheid onze topprioriteit. We blijven inzetten op risicobewustzijn, veiligheidsacties en leiderschap inzake veiligheid door middel van preventie- campagnes, gerichte initiatieven en opleidingen, en door het gebruik van digitale tools voortdurend op te voeren Welzijn en respect Negatieve impact Met een vergrijzende populatie loopt Belysse het risico geconfronteerd te worden met een kennisgebrek wanneer oudere werknemers met pensioen gaan en we hen niet zouden kunnen vervangen door nieuwe werknemers met de juiste vaardigheden. Over het algemeen is het een uitdaging om nieuwe mensen aan te trekken voor openstaande vacatures Eigen operaties 1 – 5 jaar We hebben de employer branding campagne 'De mensen van Belysse' gelanceerd, waarmee we meer cohesie willen creëren in het huidige personeelsbestand, wat ons op zijn beurt een meer aantrekkelijke werkgever maakt. Binnen het huidige personeelsbestand investeren we in persoonlijke groei en ontwikkeling. De gezondheids- en veiligheidsrisico's op het werk zijn meer van toepassing op werknemers in de fabrieken dan op werknemers in een kantooromgeving. Het risico van vergrijzing en het daarmee gepaard gaande risico van een mogelijke kennisgebrek is een algemeen risico dat van toepassing is op onze personeelsbestand als geheel. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 92 De transitieplannen van Belysse om onze negatieve impact op het milieu te verminderen en onze activiteiten te vergroenen, zullen naar verwachting geen materiële gevolgen hebben voor onze werknemers, aangezien deze transitie een geleidelijk, continu en reeds lopend proces is. S1-1 Beleid met betrekking tot het eigen personeelsbestand Wij zijn er van overtuigd dat we een positieve en collaboratieve werkomgeving moeten creëren waarin de persoonlijke ontwikkeling van werknemers wordt bevorderd om onze doelstellingen te bereiken. Door een sterke en transparante communicatie over onze waarden en onze strategische doelstellingen, kan iedereen in de organisatie bijdragen aan de verwezenlijking ervan. Als overtuigde voorstanders van lichamelijk en geestelijk welzijn op de werkplek, blijven gezondheid en veiligheid onze topprioriteit. We blijven inzetten op risicobewustzijn, veiligheidsacties en leiderschap inzake veiligheid door middel van preventiecampagnes, gerichte initiatieven en opleidingen, en door het gebruik van digitale tools voortdurend op te voeren. We versterken de persoonlijke vaardigheden van werknemers o m stress te voorkomen en leren werknemers om ermee om te gaan. We investeren in persoonlijke groei en ontwikkeling. • Alle werknemers, ongeacht hun functie, krijgen opleidingen. Sommige van de voorgestelde trainingen zijn verplicht omdat ze betrekking hebben op vaardigheden die nodig zijn voor de functie. Andere trainingen, bijvoorbeeld IT- vaardigheden, zijn vrijwillig. • Alle arbeiders en bedienden krijgen feedback over hun prestaties tijdens jaarlijkse functioneringsgesprekken. • We geloven sterk in ons eigen talent en stimuleren daarom interne mobiliteit. • Voor werknemers die willen doorgroeien binnen hun functie of naar een andere functie, wordt een persoonlijk ontwikkelingsplan opgesteld, om hen te ondersteunen in die groei. We hebben een reeks verschillende beleidslijnen en procedures ontwikkeld en blijven deze ontwikkelen, nauwlettend opvolgen e n altijd up-to-date houden. Deze beleidsverklaring is de operationele vertaling van de meest recente regelgeving en aanbevelingen, en omvat de ethische principes en integriteitsnormen van de Groep. Ze bieden houvast en duidelijkheid voor alle stakeholders en werknemers die actief zijn binnen en/of samenwerken met de bedrijven die deel uitmaken van de Belysse Group. Deze beleidsverklaring wordt gepubliceerd op het intranet, is toegankelijk voor alle werknemers en maakt deel uit van het onboarding proces van de werknemers. Belysse hanteert een zero-t olerance benadering van moderne slavernij en zet zich volledig in om slavernij en mensenhandel te voorkomen in haar activiteiten en toeleveringsketen. Elk jaar wordt, in overeenstemming met artikel 54(1) van de Modern Slavery Act van 2015, een afzonderlijke verklaring afgelegd over de procedures en resultaten door de CEO van Belysse en haar dochterondernemingen. Dit wordt aangevuld met een specifiek “Beleid inzake preventie van kinderarbeid en ondersteuning van jonge werknemers”. Onze productielocaties bevinden zich in België en de VS, waar de overheid wetten handhaaft die erop gericht zijn of tot gevolg hebben dat bedrijven de mensenrechten moeten respecteren, en die regelmatig de toereikendheid van dergelijke wetten beoordeelt om eventuele tekortkomingen aan te pakken. Het is duidelijk dat Belysse voldoet aan alle lokale wetgeving. 58% van onze werknemers valt onder collectieve arbeidsovereenkomsten. We garanderen de vrijheid van vereniging en hebben veel werknemers die lid zijn van vakbonden en die ervoor zorgen dat we voldoen aan alle haalbare verzoeken met betrekking tot werkpraktijken. Het beleid van Belysse met betrekking tot ons personeelsbestand is afgestemd op internationaal erkende instrumenten, waaronder de VN-richtlijnen voor mensenrechten en bedrijfsleven. Belysse wil het groepsgevoel en de connectie tussen afdelingen versterken. Het doel is om een gevoel van eenheid te creëren en zowel formele als niet-formele betrokkenheidsmomenten aan te moedigen. Een van deze formele betrokkenheidsmomenten op individueel niveau zijn de jaarlijkse functioneringsgesprekken voor zowel arbeiders als bedienden. Mensenrechten zijn stevig verankerd in de Belgische en Amerikaanse/Californische wetgeving; Belysse voldoet uiteraard altijd aan de toonaangevende wetten en ons beleid is daarom afgestemd op alle regelgeving. Belysse Group heeft zich sinds de oprichting ervan in 2017 een Vision Zero-onderneming getoond. Dit initiatief is ontwikkeld door de International Social Security Association (ISSA). Ondernemingen die de Vision Zero-strategie implementeren, zetten een managementsysteem op voor de preventie van incidenten in de drie dimensies veiligheid, gezondheid en welzijn op alle werkniveaus. Al onze werknemers vallen onder een dergelijk HSE-managementsysteem. We streven ernaar om de Lost-Time Accident Frequency rate (LTAFR, frequentie van de ongevallen met verzuim) te verlagen naar minder dan 1. Dit betekent dat er per miljoen gewerkte uren minder dan 1 ongeval plaatsvindt waardoor de gewonde persoon zijn of haar werk gedurende een bepaalde periode niet kan uitvoeren. De doelstelling betreft eigen werknemers, uitzendkrachten en contractoren. Ons gezondheids- en veiligheidsbeleid is van toepassing op alle werknemers van Belysse wereldwijd. Het hoogste niveau in de organisatie dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van deze beleidsverklaring is de CEO van Belysse Group NV. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 93 In Europa vormen de maandelijkse vergaderingen van de HSE-commissie de basis van ons gezondheids- en veiligheidsmanagement. De rol van de HSE-commissie is om het overleg van het HSE-team met de werknemers te vergemakkelijken en om samen de acties te bespreken die nodig zijn om onze ambitie te verwezenlijken. Het werk van de HSE- commissie wordt ondersteund door de volgende initiatieven: - Voor formele werknemersparticipatie en -raadpleging over het werk van de HSE-commissie zijn 'Comités voor Preventie en Bescherming op het Werk' (CPBW) opgezet. De leden van het CPBW moeten worden verkozen en worden geïnformeerd over de veiligheidsresultaten en lopende projecten. - De veiligheidscoaches, die als ambassadeurs van onze veiligheidscultuur fungeren, dragen de boodschap van gezondheid en veiligheid verder uit. Deze medewerkers krijgen de nodige opleiding en zijn van essentieel belang om de deelname van ons intern personeel aan te moedigen. Ons netwerk van veiligheidscoaches bestaat uit 26 vrijwilligers (15 in Zele en 11 in Tielt). - Sinds 2022 hebben we het gebruik van een software applicatie geïntroduceerd voor een groot aantal werkprocessen op de productievestigingen. Deze app, die betrekking heeft op gezondheid en veiligheid, vergemakkelijkt het melden van risico's, zorgt voor een eenvoudige follow-up van werkplekinspecties en veiligheidsrondes, en stelt managers in staat om de prestaties van hun teams op te volgen. In 2024 werden er regelmatig veiligheidsrondes in de fabrieken georganiseerd om onveilige situaties op te sporen. Belysse Europe is trots op het behalen van de ISO 45001 certificering voor haar productievestiging in Zele. Dit is onze eerste vestiging die gecertificeerd is voor zijn managementsysteem voor gezondheid en veiligheid op het werk. De certificering bekroont ons sterk engagement voor gezondheid en veiligheid op het werk, en had niet kunnen worden gerealiseerd zonder ons zeer toegewijde HSE-team en ons management team ter plaatse. Een goed functionerend veiligheidsmanagementsysteem is niet voldoende om een veiligheidscultuur tot stand te brengen. Daarnaast is het belangrijk om de kennis en het bewustzijn over veiligheid en gezondheid onder onze werknemers te vergroten. Om dit te bereiken hebben we een lijst met acties opgesteld: - In de Belgische productievestigingen worden maandelijkse veiligheidsthema's gedefinieerd. Informatie over deze thema's wordt op schermen in de fabrieken weergegeven en via de toolbox meetings meegedeeld aan de werknemers. - In Bentley Mills worden maandelijkse veiligheidsbewustzijnsdagen georganiseerd, waarbij interactie met alle werknemers en afdelingen plaatsvindt over alle relevante incidenten of veiligheidstrainingen van die maand. - Er werd een nieuwe werkgroep opgericht, met als doel de veiligheidscultuur in onze Belgische fabrieken objectief te meten. In 2023 zijn er scores toegekend aan verschillende veiligheidsthema's. In 2024 zijn we begonnen met metingen om de baseline te definiëren en doelen voor verbetering te stellen. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 94 Beschrijving van het beleid Gerelateerde impact, risico of opportuniteit Scope Verantwoording (hoogste niveau) Audit door derden Kanalen voor het communiceren van beleid Toepasselijke wetgeving • Engagement voor gezondheid en veiligheid: we voelen ons verantwoordelijk voor het fysieke en mentale welzijn van alle werknemers. We streven ernaar om een gezonde en incidentvrije werkomgeving te creëren voor al het personeel dat aanwezig is en werkzaam is op onze locaties • Wij delen de Vision Zero-aanpak: wij geloven dat elk arbeidsongeval of beroepsziekte kan worden vermeden Werknemers in de fabrieken werken met machines, wat een inherent veiligheidsrisico met zich meebrengt. Sommige taken zijn ergonomisch veeleisend Alle werknemers van Belysse wereldwijd CEO ISO 45001 voor modulyss • Formeel gecom- municeerd op Belysse sharepoint • Ondersteund door veiligheids- toolbox meetings binnen de verschillende productie- afdelingen, houdt management in de fabrieken veiligheids- rondes Relevante lokale normen voor veiligheid, gezondheid en welzijn op het werk in België en Californië Geen specifiek opleidingsbeleid, maar een jaarlijks opleidingsplan, waarin verplichte en vrijwillige opleidingsmogelijkheden worden gecombineerd, die zowel intern als extern georganiseerd worden Met een vergrijzende populatie loopt Belysse het risico geconfronteerd te worden met een kennisgebrek wanneer oudere werknemers met pensioen gaan en we hen niet zouden kunnen vervangen door nieuwe werknemers met de juiste vaardigheden. Over het algemeen is het een uitdaging om nieuwe mensen aan te trekken voor openstaande vacatures Alle werknemers van Belysse wereldwijd HR Director voor Belysse Group en Europa, Vice President of Human Resources voor de VS N.V.T Het jaarlijkse opleidingsplan en het aanbod van beschikbare opleidingen worden formeel gecommuniceerd op Belysse sharepoint Verplichte veiligheids- trainingen Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 95 S1-2 Processen voor het betrekken van eigen werknemers en werknemersvertegenwoordigers bij het bespreken van impacten In Europa zijn we, naast de feedback van werknemers die wordt verzameld via de HSE-commissie, het CPBW en het netwerk van veiligheidscoaches, in 2024 begonnen met het meten van impact via onze SENSOR-enquête voor welzijn en een enquête die is gelanceerd door de werkgroep Veiligheid, om onze basis te vormen voor het nemen van beslissingen. Bij Bentley is ons veiligheidsprogramma een uitgebreide manier om met ons personeel in contact te komen. Het wordt beheerd door de Safety Manager en omvat verschillende componenten zoals: - Veiligheidsvergaderingen: Maandelijkse vergaderingen om veiligheidsprotocollen te bespreken, bezorgdheden weg te nemen en eventuele incidenten of bijna-ongevallen te beoordelen - Trainingssessies: Uitgebreide trainingsprogramma's die een breed scala aan veiligheidsonderwerpen behandelen, zodat alle werknemers goed geïnformeerd zijn en voorbereid zijn om met mogelijke gevaren om te gaan - Veiligheidscommissie: Een speciale commissie met vertegenwoordigers van verschillende afdelingen, die samenwerken om risico's te identificeren, het veiligheidsbeleid te ontwikkelen en een veiligheidscultuur te bevorderen - Veiligheidsaudits en -inspecties: Regelmatige audits en inspecties om potentiële gevaren te identificeren en de naleving van de veiligheidsvoorschriften te garanderen Op individueel niveau wordt betrokkenheid geformaliseerd door middel van jaarlijkse functioneringsgesprekken voor zowel alle bedienden als alle arbeiders. Op afdelingsniveau zijn er regelmatig -meestal maandelijkse- vergaderingen. Zowel in Europa als in de VS worden town hall meetings met het hoger management georganiseerd om de open tweerichtingscommunicatie verder te vergroten en werknemers in staat te stellen rechtstreeks in contact te komen met het hoogste management in het bedrijf. Functioneringsgesprekken voor arbeiders en bedienden vinden jaarlijks plaats in Europa en de VS. De SENSOR-enquête in Europa zal elke 5 jaar worden uitgevoerd. In Europa hadden we op onze SENSOR-enquête een responspercentage van 78%, op de veiligheidsenquête was de respons 79%, als kwantitatieve maatstaf voor de mate waarin we onze werknemers effectief betrekken. Het hoogste niveau in de organisatie dat operationele verantwoordelijkheid heeft om ervoor te zorgen dat dit engagement gebeurt en dat de resultaten de aanpak van het bedrijf bepalen, is onze HR directeur voor Belysse Group en Europa, en onze Vice President of Human Resources voor de VS. Om de materiële negatieve impact 'stress' aan te pakken, gebruiken we de inzichten uit onze SENSOR-enquête om te kijken welke bronnen van stress vermeden kunnen worden. We versterken werknemers in hun persoonlijke vaardigheden om stress te vermijden en leren hen mechanismen om met stress om te gaan. De materiële negatieve impact 'veiligheid' wordt aangepakt door het opbouwen van een preventie-cultuur. Belysse Group heeft zich sinds de oprichting ervan in 2017 een Vision Zero-onderneming getoond. Dit initiatief is ontwikkeld door de International Social Security Association (ISSA). Ondernemingen die de Vision Zero-strategie implementeren, zetten een managementsysteem op voor de preventie van incidenten in de drie dimensies veiligheid, gezondheid en welzijn op alle werkniveaus. Al onze werknemers vallen onder een dergelijk HSE-managementsysteem. Werknemers kunnen via verschillende kanalen hun vragen, zorgen en/of problemen kenbaar maken. De eerste aanspreekpunten zijn de rechtstreekse leidinggevenden, de leden van het speciale HR-team, of -voor sociale kwesties- de opgeleide vertrouwenspersonen (in België). Daarnaast kan elke werknemer terecht bij de Compliance Officer. S1-3 Processen om negatieve effecten te verhelpen en kanalen voor eigen personeel om zorgen te uiten Sinds oktober 2020 kunnen werknemers onze digitale whistleblowing-tool gebruiken om anoniem vooraf gedefinieerde soorten wanpraktijken of ongepast gedrag te melden, zoals gespecificeerd in het klokkenluidersbeleid van Belysse. Deze rapporten worden naar een speciale mailbox gestuurd die wordt beheerd door een externe en onafhankelijke organisatie, waarbij ervoor wordt gezorgd dat alle informatie op een eerlijke en vertrouwelijke manier wordt behandeld. Alle vragen en bezorgdheden worden geregistreerd. De whistleblowing-tool zelf wordt beheerd en onderhouden door een onafhankelijke externe partij. In een volgende fase worden de ingediende meldingen ter beoordeling voorgelegd aan de Compliance Officer van Belysse en de HR Director. Als een incident binnen het bestek van het beleid van Belysse valt, wordt dit onmiddellijk toegewezen aan een onderzoeksteam, samengesteld uit verschillende (interne en/of externe) experts, afhankelijk van het onderwerp. Een speciale groep mensen beslist vervolgens welke corrigerende maatregelen moeten worden genomen en bereidt een antwoord aan de klokkenluider voor. Deze groep personen bestaat uit de Compliance Officer van Belysse en de HR Director, en wordt afhankelijk van de aard van het incident, aangevuld met de CEO, CFO, relevante business unit manager, externe consultants / auditors / advocaten, en in geval van vermeende strafbare feiten, betrokkenheid van politieautoriteiten. Alle incidenten die via de whistleblowing-tool worden gemeld, worden voorgelegd aan het Auditcomité. In 2021 hebben we een intern protocol voor de behandeling van dergelijke gevallen opgesteld en geïmplementeerd, het zogenaamde 'Klokkenluidersflowchart'. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 96 Naast het klokkenlui dersbeleid heeft Belysse een goed klachtenmechanisme voor werknemers, dat grotendeels gebaseerd is op wettelijke vereisten. Deze systemen omvatten procedures, rollen en regels voor het ontvangen en afhandelen van klachten. Op elke vestiging in België hebben we gecertificeerde interne vertrouwenspersonen en hebben werknemers de mogelijkheid om problemen te melden aan (neutrale) externe adviseurs die gespecialiseerd zijn in psychosociale problemen. Iedereen die een probleem meldt, wordt beschermd tegen alle mogelijke vormen van vergelding. Het klokkenluidersbeleid en de bijbehorende tool werden in de volledige Belysse Group geïmplementeerd en geïntroduceerd door een bewustmakingscampagne in verschillende talen, die in 2023 en 2024 werd hernomen. In de toekomst zullen we onze cultuur van dialoog blijven promoten via een verscheidenheid aan acties en communicatie, omdat we deze communicatie- inspanningen zien als een manier om ervoor te zorgen dat onze werknemers vertrouwen hebben in het klokkenluidersbeleid, de tool en het proces. S1-4 Actie ondernemen tegen materiële effecten op het eigen personeelsbestand, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot het eigen personeelsbestand, en de effectiviteit van die acties We zetten sterk in op stresspreventie en werkmotivatie via loopbaanbegeleiding, campagnes rond het 'recht op deconnectie' die in de loop van 2023 voor het eerst werden gelanceerd, het uitwerken van persoonlijke ontwikkelingsplannen op maat van de individuele werknemer en waar nodig het creëren van aangepaste jobs. Onze acties met betrekking tot onze veiligheidscultuur zijn gecentreerd rond een uitgebreid HSE-managementsysteem, het vergroten van de kennis en het bewustzijn over gezondheid en veiligheid onder onze werknemers, de nodige processen en tools om risico's te identificeren en een open communicatie over veiligheid door middel van managementrondes en veiligheidstrainingen. Andere acties die we ondernemen om een positieve impact op o nze werknemers te hebben, zijn bijvoorbeeld aanvullende training, zoals taalcursussen voor werknemers, cross-training om mensen de kans te geven andere vaardigheden te leren terwijl ze in hun primaire functie werken en mentorschap om opvolging te garanderen. Via onze SENSOR-enquête zullen we de impact meten van de verschillende acties die we nemen met betrekking tot welzijn en stress-preventie. Specifiek in het kader van trainingen wordt aan de deelnemers aan de training gevraagd om de doeltreffendheid van elke training waaraan ze deelnemen te evalueren. We gebruiken de resultaten van onze SENSOR-en quête, naast verschillende veiligheidsinteracties via het CPBW, veiligheidscoaches, veiligheidsprogramma's, managementrondes en onze digitale tools om risico's te identificeren en te rapporteren als basis om acties te ondernemen. We beperken het risico van het wegvallen van expertise door middel van training, functioneringsgesprekken en talentbeoordelingen, mentorschap en opvolgingsplanning. We pakken het risico van door stress veroorzaakte afwezigheid of verhoogd personeelsverloop aan door ten eerste actie te ondernemen om stress veroorzakende situaties te vermijden en ten tweede werknemers te leren door middel van training en coaching om beter met stress om te gaan. De bovenstaande acties en initiatieven zijn het resultaat van de gezamenlijke inspanningen van onze HR, HSE en Operations t eams en bestrijken Europa en de VS. Deze acties zijn continu van aard en we verwachten deze in de komende jaren verder te zetten. We hebben geen CapEx of significante specifieke OpEx uitgegeven aan deze acties, en we verwachten dit ook niet in de toekomst te doen, aangezien deze acties stevig verankerd zijn in onze gebruikelijke HSE en HR processen. S1-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheersen van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten Het bredere personeelsbestand van Belysse is niet rechtstreeks betrokken geweest bij het vaststellen van onze ESG- doelstellingen. De verschillende afdelingen waarvan de bijdragen een directe impact hebben op onze ESG-doelstellingen, zoals Operations, HSE, R&D, Product Development en HR, zijn echter nauw betrokken bij het opvolgen van de resultaten ten opzichte van die doelstellingen. Daarnaast wordt de voortgang intern op kwartaalbasis gecommuniceerd, maar ook extern via onze jaarverslagen en gesprekken met investeerders. Verschillende van de verbeterinitiatieven die in 2024 zijn geïmplementeerd, werden bottom-u p geïdentificeerd door werknemers in die afdelingen. Zoals vermeld in sectie S1-1 'Beleid met betrekking tot eigen personeel', streven we ernaar om de frequentie van de ongevallen met verzuim te verlagen naar minder dan 1. Dit betekent dat er per miljoen gewerkte uren minder dan 1 ongeval plaatsvindt waardoor de gewonde persoon zijn of haar werk gedurende een bepaalde periode niet kan uitvoeren. De doelstelling betreft eigen werknemers, uitzendkrachten en contractoren. Deze doelstelling voor 2030 werd in 2020 door het Managementcomité vastgelegd. We hebben geen specifieke meetbare doelstellingen voor training en ontwikkeling van vaardigheden, aangezien we momenteel het aantal trainingsuren in de VS niet registreren – zoals verder beschreven in sectie S1-13 Statistieken voor training en ontwikkeling van vaardigheden – wat nodig is om een robuuste baseline te bepalen. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 97 S1-6 Kenmerken van de werknemers van Belysse Aantal werknemers Belysse Totaal Personeelsbestand eind 2024 981 Gemiddeld personeelsbestand in 2024 1011 Aantal werknemers in landen met 50 of meer werknemers die ten minste 10% van het totale aantal werknemers vertegenwoordigen België US Personeelsbestand eind 2024 569 389 Gemiddeld personeelsbestand in 2024 595 393 Informatie over werknemers per contracttype en geslacht Personeelsbestand eind 2024 Belysse Totaal Mannelijk Vrouwelijk Ander Vaste werknemers 596 384 0 Tijdelijke werknemers 1 0 0 Werknemers met niet- gegarandeerde uren 0 0 0 Totaal 597 384 0 In de jaarrekening wordt het gemiddelde aantal werknemers gerapporteerd in toelichting 6. Personeelskosten. Aangezien het aantal daar wordt uitgedrukt in voltijdse equivalenten, is dat aantal lager dan het aantal personeelsleden dat wordt vermeld in S1-6 Kenmerken van de werknemers van Belysse. • Het gemiddeld personeelsbestand wordt berekend als het rekenkundige gemiddelde tussen het aantal niet-werknemers op 1 januari 2024 en 31 december 2024 Aantal werknemers dat de onderneming in de loop van 2024 heeft verlaten Belysse Totaal Aantal personeelsleden 183 Percentage personeels- verloop Belysse Totaal % 18.1% • Werknemers worden gedefinieerd als mensen die op de loonlijst staan van Belysse, modulyss, ITC CO of Bentley Mills • Bestuursleden, freelancers, stages, interim/uitzendkrachten en langdurig zieken zijn niet opgenomen in deze cijfers • Werknemers worden gerapporteerd als aantal werknemers (headcount) • Het gemiddelde personeelsbestand wordt berekend als het rekenkundige gemiddelde tussen het aantal werknemers op 1 januari 2024 en 31 december 2024 • Het personeelsverloop is berekend als het aantal werknemers dat de onderneming in 2024 heeft verlaten, gedeeld door het gemiddelde personeelsbestand in 2024 • Het aantal werknemers dat de onderneming heeft verlaten, zijn werknemers die op een bepaald moment tijdens 2024, maar niet op het eind van 2024, op de loonlijst stonden van Belysse, modulyss, ITC CO of Bentley Mills. Contracten voor bepaalde duur zijn hier niet in meegerekend S1-7 Kenmerken van niet-werknemers in het eigen personeelsbestand van Belysse Aantal niet-werknemers in eigen personeelsbestand Belysse Totaal Personeelsbestand eind 2024 48 Aantal niet-werknemers in het eigen personeelsbestand – zelfstandigen Belysse Totaal Personeelsbestand eind 2024 23 Aantal niet-werknemers in het eigen personeelsbestand – mensen die ter beschikking worden gesteld door ondernemingen die zich voornamelijk bezighouden met arbeidsactiviteiten Belysse Totaal Personeelsbestand eind 2024 25 • Niet-werknemers in het eigen personeelsbestand worden gedefinieerd als: o Zelfstandigen: freelancers o Mensen die ter beschikking worden gesteld door ondernemingen die zich voornamelijk bezighouden met uitzendactiviteiten: uitzendkrachten • Niet-werknemers worden gerapporteerd als aantal werknemers (headcount) • Het aantal niet-werknemers in het eigen personeelsbestand was eind 2023 lager en lag toen op 35. De stijging tot 48 tegen eind 2024 is vooral gedreven door het aantal interim- /uitzendkrachten dat fluctueert met de productievolumes, aangezien we deze werknemers gebruiken als flexibele aanvulling op ons personeelsbestand op de loonlijst Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 98 S1-13 Statistieken voor training en ontwikkeling van vaardigheden Percentage werknemers dat heeft deelgenomen aan regelmatige functionerings- en loopbaan- ontwikkelingsbeoordelingen Belysse Totaal Mannelijk Vrouwelij k Arbeiders 39% 54% Bedienden 94% 94% Totaal 52% 71% Gemiddeld aantal opleidingsuren per persoon voor werknemers Belysse Totaal Mannelijk Vrouwelij k Arbeiders 26 29 Bedienden 22 15 Totaal 25 23 Het aantal trainingsuren voor de VS werd geschat als: • Arbeiders: wekelijkse vergadering van 1 uur; specifiek voor heftruckchaueurs wordt dit aangevuld met 8 trainingsuren per jaar • Bedienden: we meten momenteel niet de verschillende webinars, seminars en trainingen die gevolgd worden, bovenop vereiste HR- trainingen die door onze Amerikaanse werknemers worden gevolgd; we schatten dat deze neerkomen op 5 uur per persoon per jaar Dit zijn conservatieve schattingen en we onderzoeken de mogelijkheid om in de loop van 2025 een opvolgingssysteem te implementeren. De trainingsuren in Europa worden volledig geregistreerd. S1-14 Gezondheids- en veiligheidsstatistieken Percentage werknemers en niet-werknemers in het eigen personeelsbestand dat valt onder een gezondheids- en veiligheids- managementsysteem op basis van wettelijke vereisten en (of) erkende normen of richtlijnen Belysse Totaal % 100% Aantal dodelijke slachtoffers als gevolg van werkgerelateerde letsels en werkgerelateerde gezondheidsproblemen Belysse Totaal Eigen personeelsbestand 0 Andere werknemers die op de locaties van de onderneming werken 0 Registreerbare werkgerelateerde letsels en werkgerelateerde gezondheidsproblemen – eigen personeelsbestand Belysse Totaal Aantal LTA's 7 LTA-frequentie 5,53 Ernstgraad van LTA’s 0,16 Aantal verloren dagen als gevolg van LTA's 197 Aantal niet-LTA's 18 Aantal gevallen van registreerbare werkgerelateerde gezondheids-problemen van werknemers 0 Aantal verloren dagen als gevolg van werkgerelateerde gezondheids-problemen 0 De frequentie van ongevallen met werkverlet (LTA) wordt berekend als het aantal ongevallen met werkverlet per miljoen gewerkte uren. De ernstgraad van de LTA’s wordt berekend als het aantal verloren dagen als gevolg van LTA's per duizend gewerkte uren. Registreerbare werkgerelateerde letsels en werkgerelateerde gezondheidsproblemen – Andere werknemers die op de locaties van de onderneming werken Belysse Totaal Aantal LTA's 1 LTA-frequentie 32,5 Ernstgraad van LTA’s 0,33 Aantal verloren dagen als gevolg van LTA's 10 Aantal niet-LTA's 2 Aantal gevallen van registreerbare werkgerelateerde gezondheids-problemen van werknemers 0 Aantal verloren dagen als gevolg van werkgerelateerde gezondheids-problemen 0 Aantal klachten ingediend via kanalen voor mensen in het eigen personeelsbestand om gezondheids- en veiligheids- gerelateerde problemen aan de orde te stellen Belysse Totaal Aantal 0 Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 99 S2 - Werknemers in de waardeketen S2-SBM2 Belangen en standpunten van stakeholders Belysse heeft geen direct contact met werknemers in de waardeketen, maar we zorgen er wel voor dat hun belangen, standpunten en rechten worden beschermd door contact met onze leveranciers, inclusief audits ter plaatse door een onafhankelijke externe partij. Belangrijkste groepen stakeholders Participatiemethode Doel van de participatie Uitkomstoverweging (gerelateerd aan strategie en businessmodel) Leveranciers • Enquêtes • Due diligence van leveranciers • Audits ter plaatse • Regelmatige communicatie met onze Procurement afdeling • Naleving van onze gedragscode voor leveranciers • Verantwoorde aankoop bevorderen • De mensen- en arbeidsrechten van werknemers in de waardeketen beschermen • Geïnformeerde selectie van leveranciers • Jaarlijkse verklaring tegen slavernij en mensenhandel S2-SBM3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel De werknemers in de waardeketen die onder deze rapporteringsvereisten vallen, zijn de werknemers van onze directe leveranciers in de upstream waardeketen: • Omdat chemische en industriële processen de kern vormen van de activiteiten van veel van onze leveranciers, is er een inherent risico op ongevallen op de werkplek. Dit risico is niet leveranciersspecifiek, maar geldt algemeen voor de sectoren waarin veel van onze leveranciers actief zijn; productie wordt algemeen erkend als een van de gevaarlijkste sectoren volgens de ILO, die ook chemische en fysische gevaren noemt als 2 van de belangrijkste risicofactoren. • Belysse koopt voornamelijk van leveranciers in de VS en Europa; we kopen echter ook in bij niet-Amerikaanse, niet-EU- leveranciers waar een hoger risiconiveau kan worden verwacht. Concreet is er een potentieel negatief risico in regio's met minder strenge mensenrechtenwetgeving, zoals Azië. Dit potentiële risico heeft geen betrekking op bepaalde grondstoffen waarvoor een significant risico op kinderarbeid, dwangarbeid of verplichte arbeid bestaat, maar op de regio's waar deze leveranciers aanwezig zijn, waar over het algemeen minder strenge mensenrechtenwetgeving van kracht is. • We zijn van mening dat de potentiële impact van Belysse zich uitstrekt tot onze directe leveranciers, aangezien we enkel een relatie en communicatie met hen hebben, in tegenstelling tot leveranciers verder upstream in de waardeketen, waarop we geen zicht hebben. In onze gedragscode voor leveranciers vermelden we echter uitdrukkelijk dat we verwachten dat onze leveranciers ervoor zorgen dat hun eigen leveranciers, contractors en andere zakenpartners die betrokken zijn in de levering van producten, componenten, materialen en diensten aan Belysse voldoen aan de minimumvereisten die in deze gedragsode zijn uiteengezet, en dat deze gedragscode aan hen wordt meegedeeld. De materiële negatieve impacten en risico's die zijn geïdentificeerd via onze dubbele materialiteitsanalyse, voornamelijk door middel van desktoponderzoek, zijn: S2 – Werknemers in de waardeketen Beheer van de waardeketen Negatieve impact Veel van onze leveranciers werken met chemische en industriële processen. Op basis van VN-risico-tools hebben we 'risico op ongevallen op de werkplek' geïdentificeerd als een hoog risico voor het merendeel van onze grondstoffenleveranciers Upstream Actuele impact Risico Risico van het ontbreken van alternatieve leveranciers om belangrijke materialen van te kopen, mocht er een ethisch of institutioneel probleem worden vastgesteld Upstream 1 – 5 jaar Onze dubbele materialiteitsanalyse identificeerde geen specifieke materiële risico's, impact of opportuniteiten met betrekking tot werknemers in onze downstream waardeketen, die voornamelijk bestaat uit onze klanten en transport- en distributiebedrijven. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 100 De materiële impact die een invloed kan hebben op werknemers in de waardeketen die op onze locaties werken, maar geen deel uitmaken van ons eigen personeelsbestand, is gezondheid en veiligheid op het werk. Deze negatieve impact wordt geadresseerd door dezelfde beleidslijnen, acties en doelstellingen die betrekking hebben op onze eigen werknemerspopulatie en wordt gerapporteerd in ESRS S1 Eigen personeelsbestand. S2-1 Beleid met betrekking tot werknemers in de waardeketen De focus van Belysse is om negatieve impact in onze waardeketen te voorkomen. • Belysse eist van alle leveranciers dat ze onze gedragscode voor leveranciers ondertekenen en naleven, die we in 2021 hebben ingevoerd en die duidelijke verwachtingen bevat met betrekking tot sociale, veiligheids- en milieuprestaties. Hierin is vastgelegd dat leveranciers ervoor moeten zorgen dat hun eigen leveranciers, contractors en andere zakenpartners aan onze eisen voldoen. Belysse behoudt zich het recht voor om de naleving van de code ter plaatse te controleren. Onze gedragscode voor leveranciers is gebaseerd op de ' VN-richtlijnen voor mensenrechten en bedrijfsleven' en stelt expliciet dat we van onze leveranciers verwachten dat ze zich houden aan deze VN-richtlijnen voor mensenrechten en bedrijfsleven, evenals de 8 belangrijkste conventies van de Internationale Arbeidsorganisatie, maar omvat meer dan alleen mensenrechtenonderwerpen. De gedragscode vereist expliciet dat leveranciers de volgende materiële onderwerpen voor Belysse met betrekking tot onze waardeketen in acht nemen: o Naleving aantonen van de toepasselijke wet- en regelgeving o Eerbiedigen van de mensenrechten en arbeidsrechten, met inbegrip van de bescherming van internationaal erkende mensenrechten, een verbod op het gebruik van gedwongen of onvrijwillige arbeid (met inbegrip van moderne slavernij en mensenhandel) en kinderarbeid, antidiscriminatie, vrijheid van vereniging en de effectieve erkenning van het recht op collectieve onderhandelingen, waarbij werknemers en andere stakeholders in staat worden gesteld anoniem bezorgdheden of mogelijke onwettige praktijken op de werkplek te melden zonder vergelding, eerlijke lonen o Zich houden aan gezondheids- en veiligheidsnormen, waaronder een gezonde en incidentvrije werkomgeving, het verstrekken van de juiste gezondheids- en veiligheidsinformatie en apparatuur, ervoor zorgen dat hun producten of onderdelen geen product, materiaal of stof bevatten die verboden is door de wet- of regelgeving, met inachtneming van de Europese REACH-procedures of het toepasselijke nationale equivalent o Hun impact op het milieu beperken o De normen voor ethisch zakelijk handelen volgen Het ondertekenen van de gedragscode voor leveranciers is een harde vereiste om leverancier van Belysse te worden. • Belysse heeft geen gevallen gehad van niet-naleving van de VN-richtlijnen inzake bedrijfsleven en mensenrechten, de ILO-verklaring over de fundamentele beginselen en rechten op het werk of de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen waarbij werknemers in de waardeketen betrokken zijn. We maken gebruik van 's werelds meest gebruikte sociale audit om onze aanpak te onderbouwen om mogelijke negatieve impacten te beperken. Voor zover wij weten, zijn de soorten werknemers in de waardeketen die wezenlijk door Belysse kunnen worden geïmpacteerd, geen werknemers die bijzonder kwetsbaar zijn voor negatieve impacten, hetzij vanwege hun inherente kenmerken, hetzij vanwege de specifieke context. Het hoogste niveau in de organisatie dat verantwoordelijk is voor de implementatie van deze beleidsverklaring is onze Operations Director voor Europa en onze Senior Director of Procurement voor Bentley Mills. S2-2 Processen voor het betrekken van werknemers in de waardeketen bij het bespreken van impacten Belysse heeft geen algemeen proces om rechtstreeks in contact te komen met werknemers in de waardeketen. Als onderdeel van ons supply chain managementsysteem werken we samen met een externe partij om ter plaatse audits uit te voeren die de normen op het gebied van arbeid, gezondheid en veiligheid, milieuprestaties en ethiek op de locaties van onze leveranciers bepalen. De sociale audits zijn specifiek ontworpen om werknemers in de waardeketen te helpen beschermen tegen onveilige omstandigheden, overwerk, discriminatie, lage lonen en dwangarbeid. Onze beslissing of sociale audits nodig zijn voor leveranciers, is gebaseerd op de locatie waar de leverancier actief is en deze te screenen aan de hand van een lijst van landen met een hoger inherent risico met betrekking tot mensenrechten. Het toezicht op de waardeketen betrekken valt onder de verantwoordelijkheid van onze Operations Director voor Europa en onze Senior Director of Procurement voor Bentley Mills. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 101 S2-3 Processen om negatieve impact te verhelpen en kanalen voor werknemers in de waardeketen om hun bezorgdheden te uiten Naast de audits ter plaatse hebben we de whistleblowing-tool en kunnen leveranciers of werknemers bij onze leveranciers het [email protected] e-m ailadres of de contactpagina op onze website gebruiken om eventuele klachten in te dienen. Het hebben van meerdere kanalen die toegankelijk zijn via onze bedrijfswebsite, zorgt ervoor dat dergelijke kanalen beschikbaar zijn voor alle werknemers in de waardeketen. Tot nu toe zijn er geen bezorgdheden of problemen bij ons gemeld door werknemers in onze waardeketen. Als er bezorgdheden of problemen werden geuit, zouden deze dezelfde procedure volgen als beschreven voor problemen die door mensen in het eigen personeelsbestand via de whistleblowing tool gemeld worden. S2-4 Actie ondernemen tegen materiële impact op werknemers in de waardeketen, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot werknemers in de waardeketen, en de effectiviteit van die acties In 2024 hebben we onze leveranciersvereisten nog een stap verder gebracht door een formeel supply chain management systeem te ontwikkelen waarmee we niet alleen leveranciers kunnen positioneren, maar ook de lijst van vereisten kunnen definiëren waaraan alle belangrijke leveranciers moeten voldoen, waarbij we ons eerst richten op landen met een hoger inherent risico. Dit beheer van de waardeketen omvat audits ter plaatse door een onafhankelijke externe partij. Deze audits worden doorgaans jaarlijks uitgevoerd, maar de exacte frequentie kan variëren, afhankelijk van de sector, het risiconiveau en de vereisten van Belysse. In 2024 omvatte dit systeem een selectie van belangrijke leveranciers in landen met een hoger inherent risico, om de aanpak en het proces te testen; deze scope zal de komende jaren geleidelijk worden uitgebreid. We hebben geen CapEx of significante specifieke OpEx aan deze acties besteed, en we verwachten dit ook niet in de toekomst te doen, aangezien deze formele leveranciersevaluatie vervat is in ons bestaande leveranciersbeheerproces. De audits als onderdeel van ons supply chain management systeem omvatten het bepalen van corrigerende actieplannen om de prestaties op het gebied van arbeids-, gezondheids- en veiligheidsnormen, milieuprestaties en ethiek te helpen verbeteren wanneer eventuele afwijkingen of tekortkomingen tijdens de audit zouden zijn vastgesteld. Deze corrigerende actieplannen zouden zowel met de gecontroleerde leverancier als met de afdelingen Procurement en Compliance binnen Belysse worden gedeeld, zodat we de implementatie van deze actieplannen rechtstreeks met onze leverancier kunnen opvolgen, om ervoor te zorgen dat eventuele problemen naar behoren worden aangepakt en verholpen. Deze externe sociale audit aanpak is gebaseerd op de conventies van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) en de toepasselijke lokale wet- en regelgeving, met betrekking tot arbeidsnormen, gezondheid en veiligheid, bedrijfsethiek en milieu. We hebben binnen Belysse een afdelingsoverschrijdend formeel jaarlijks evaluatieproces voor leveranciers, dat evaluatie van ESG-criteria omvat, op basis van de bevindingen van de audit ter plaatse. Ernstige niet-naleving die tijdens de sociale audit werd vastgesteld en het niet tijdig nemen van corrigerende maatregelen door de leverancier zou leiden tot verdere disciplinaire maatregelen. Er zijn geen ernstige mensenrechtenkwesties en incidenten geïdentificeerd die verband houden met onze upstream- en downstream-waardeketen. Aangezien er ook geen andere afwijkingen of tekortkomingen in het algemeen werden vastgesteld, hoefden er in 2024 geen specifieke corrigerende maatregelen te worden genomen. Over het algemeen beperken we materiële risico's door er actief voor te zorgen dat we voor alle belangrijke grondstoffen alternatieve leveranciers hebben buiten risicogebieden. Deze multi-sourcing strategie wordt voortdurend geëvalueerd door stuurgroepen, bestaande uit leden van het managementteam. Belangrijke wijzigingen in deze strategie worden ook beoordeeld door de Raad van Bestuur. Onze expliciete verwachting in de gedragscode voor leveranciers dat al onze leveranciers zich houden aan gezondheids- en veiligheidsnormen, aangevuld met ons supply chain managementsysteem, zorgt ervoor dat Belysse vermijdt van door haar manier van werken materiële negatieve impact op werknemers in de waardeketen te veroorzaken of eraan bij te dragen. Belysse houdt geen rekening met feitelijke en potentiële gevolgen voor haar werknemers in de waardeketen bij beslissingen om zakelijke relaties te beëindigen of eventuele negatieve gevolgen die kunnen voortvloeien uit een dergelijke beëindiging. Onze benadering van onze waardeketen is om langdurige relaties te hebben met onze belangrijkste leveranciers, wat in de eerste plaats de noodzaak vermijdt om zakelijke relaties te beëindigen. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 102 S2-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheren van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten Werknemers in de waardeketen, hun officiële of geloofwaardige vertegenwoordigers waren niet rechtstreeks betrokken bij het vaststellen van doelstellingen. Belysse heeft ook geen doelen gesteld met betrekking tot het beheersen van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact, het beheren van materiële risico's en opportuniteiten met betrekking tot werknemers in de waardeketen. We delen onze vereisten duidelijk met onze leveranciers, verwachten van hen dat ze de nodige acties ondernemen en gebruiken ons supply chain management systeem om ervoor te zorgen dat eventuele negatieve impacten of risico's afdoende worden beperkt. S4 - Consumenten en eindgebruikers S4-SBM3 Materiële impact, risico’s en opportuniteiten en hun interactie met strategie en bedrijfsmodel S4 – Consumenten en eindgebruikers Informatie- gerelateerde impact Positieve impact Publicatie van productrelevante informatie om onze klanten in staat te stellen producten te vergelijken voordat ze hun keuze maken, om duurzaamheidscriteria mee te nemen in hun besluitvormingsproces Downstream Actuele impact Risico Risico om klanten te verliezen, mocht Belysse niet in staat zijn om klanten de gevraagde certificering te verstrekken (bv. met betrekking tot productveiligheid of duurzaamheidsaspecten) Downstream 1 – 5 jaar Product veiligheid Positieve impact Belysse beschikt over certificeringen en verklaringen die de klant duidelijk aangeven dat er geen product-gerelateerde bezorgdheden zijn. Als onderdeel van aftersales geven we ook aanbevelingen aan onze klanten voor onderhoud om mogelijke problemen te voorkomen Downstream Actuele impact De geïdentificeerde materiële positieve impacten, opportuniteiten en risico's zijn van toepassing op alle consumenten en eindgebruikers van Belysse. Hoewel commerciële klanten en eindgebruikers doorgaans meer vertrouwd zijn met productspecificaties, certificeringen en duurzaamheidscriteria, vinden wij het essentieel om al onze klanten de nodige informatie te verstrekken, zodat ze een weloverwogen keuze kunnen maken. Aangezien het bovenstaande risico een commercieel risico vormt voor Belysse, eerder dan een risico voor onze consumenten of eindgebruikers, heeft onze dubbele materialiteitsanalyse geen consumenten of eindgebruikers geïdentificeerd die negatief worden of kunnen worden beïnvloed met bepaalde kenmerken, of een groter risico op schade voor consumenten of eindgebruikers die bepaalde producten gebruiken die wij aanbieden. Tijdens onze dubbele materialiteitsanalyse zijn geen materiële negatieve effecten op eindgebruikers vastgesteld. Consumentenrechten, die vaak worden omschreven als het recht op veiligheid, het recht om geïnformeerd te worden, het recht om te kiezen en het recht om gehoord te worden, vormen de kern van de strategie en het bedrijfsmodel van Belysse. Deze worden verder beschreven in de volgende paragrafen: S4-1 Gezondheid en veiligheid van onze producten, met inbegrip van het recht op veiligheid S4-1 Transparantie van informatie, met inbegrip van het recht om geïnformeerd te worden en het recht om te kiezen S4-2 Processen voor het betrekken van consumenten en eindgebruikers bij het bespreken van impacten, met betrekking tot het recht van klanten om gehoord te worden Alle consumenten en eindgebruikers die materiële impact kunnen ondervinden van Belysse, haar producten en waardeketen vallen onder het toepassingsgebied van dit duurzaamheidsverslag: • Wij verkopen aan residentiële en commerciële eindgebruikers via doe-het-zelfketens, speciaalzaken, onafhankelijke retailers en installateurs • Wij verkopen aan commerciële eindgebruikers via aannemers, installateurs en architecten & ontwerpers Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 103 Geen van deze eindgebruikers zijn • Consumenten en/of eindgebruikers van producten die inherent schadelijk zijn voor mensen en/of het risico op chronische ziekten verhogen; • Consumenten en/of eindgebruikers van diensten die mogelijk een negatieve impact hebben op hun recht op privacy, op bescherming van hun persoonsgegevens, op vrijheid van meningsuiting en op non-discriminatie; • Consumenten en/of eindgebruikers die afhankelijk zijn van nauwkeurige en toegankelijke product- of dienstengerelateerde informatie, zoals handleidingen en product etiketten, om mogelijk schadelijk gebruik van een product of dienst te voorkomen; • Consumenten en/of eindgebruikers die bijzonder kwetsbaar zijn voor gevolgen voor hun gezondheid of privacy of de gevolgen van marketing- en verkoopstrategieën, zoals kinderen of financieel kwetsbare personen. S4-1 Beleid met betrekking tot consumenten en eindgebruikers Hoewel er bij Belysse geen expliciet beleid is met betrekking tot consumenten en eindgebruikers, zorgen we er wel voor dat onze producten voldoen aan alle regelgeving met betrekking tot gezondheid en veiligheid voor onze eindgebruikers en daarnaast ondernemen we vrijwillige actie om de gezondheid en veiligheid van ons product verder aan te tonen dan wat in deze regelgeving wordt behandeld. We gebruiken de specifieke criteria van deze wereldwijd erkende industrie-standaarden in plaats van een overkoepelend beleid. Met betrekking tot informatietransparantie nemen we vrijwillige maatregelen om een breed scala aan productinformatie beschikbaar te stellen aan onze potentiële klanten en eindgebruikers, om hun besluitvormingsproces optimaal te informeren. Gezondheid en veiligheid van onze producten Wij maken producten waarop onze eindgebruikers een groot deel van hun tijd doorbrengen. Of het nu in een openbare of in een privéomgeving is, tapijten en tapijttegels zijn vaak een vast element in interieurs. Reden te meer om ervoor te zorgen dat onze producten de gezondheid en veiligheid waarborgen van mensen die op onze producten stappen of ermee leven. Onze tapijten en tapijttegels zijn gemaakt van synthetische polymeren zoals nylon en polyester, wat een negatieve perceptie zou kunnen uitlokken over hun impact op de menselijke gezondheid. Ondanks dit vooroordeel staan zachte vloeren bekend om hun vele voordelen. Een zachte vloer geeft een knus en comfortabel gevoel, helpt geluid te dempen en kan worden ontworpen om uitglijden en struikelen te voorkomen. Met productievestigingen in België en Californië voldoen we aan zeer strenge regelgeving met betrekking tot het gebruik van chemische stoffen in onze producten, zoals de REACH- en POP-regelgeving. Alle grondstoffen worden gescreend voordat ze op onze locaties kunnen worden aangeleverd. Onze producten voldoen ook aan de minimumcriteria voor gezondheid en veiligheid zoals vastgelegd in de geharmoniseerde Europese norm EN14041, beter bekend als de CE-markering, met criteria voor veiligheid, slip, antistatische eigenschappen en gevaarlijke stoffen. Naleving van de lokale wetgeving en normen is een voorwaarde om onze producten op de markt te brengen. Daarnaast nemen we vrijwillige initiatieven om aan te tonen dat onze producten de gebruikers niet zullen schaden. In ons productontwerp richten we ons op het gebruik van materialen met een lage uitstoot van vluchtige organische stoffen (VOS). • Alle Bentley-producten zijn gecertificeerd om te voldoen aan de eisen van het Green Label Plus testprotocol van het CRI (Carpet and Rug Institute). Het programma stelt hoge eisen aan de luchtkwaliteit binnen. • Alle modulyss- en ITC-producten zijn gecertificeerd door GUT (Gemeinschaft Umweltfreundlicher Teppichboden), het Europese label dat erkend is als garantie voor milieu- en consumentenbescherming. Naast het verminderen van de VOS-emissies, hebben we ons ten doel gesteld om geen schadelijke chemische stoffen te gebruiken. We volgen de richtlijnen van erkende certificatieschema's: • De Cradle to Cradle Material Health Assessment is een van de strengste chemische beoordelingen voor producten. Eind 2024 heeft modulyss 26 collecties tapijttegels gecertificeerd op niveau goud en 19 collecties gecertificeerd op niveau zilver. Bij Bentley Mills zijn alle collecties gecertificeerd op het niveau zilver, op 12 backing-platformen. • Alle producten van Bentley Mills hebben het Declare-label van het International Living Institute. Declare screent de ingrediënten van een product aan de hand van de Living Building Challenge Red List en zorgt ervoor dat het product geen chemische stoffen bevat waarvan bekend is dat ze een risico vormen voor de menselijke gezondheid of het milieu. Transparantie van informatie Een positieve impact die we creëren voor onze klanten en eindgebruikers komt voort uit de publicatie van productrelevante informatie zoals productpaspoorten, duurzaamheidsinformatiebladen en milieuproductverklaringen (EPD’s), waarmee onze klanten producten kunnen vergelijken voordat ze een weloverwogen keuze maken en duurzaamheidscriteria kunnen meenemen in hun besluitvormingsproces. Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 104 S4-2 Processen voor het betrekken van consumenten en eindgebruikers bij het bespreken van impacten Voor Belysse is er een duidelijk verschil tussen onze klanten en de eindgebruikers, aangezien Belysse vooral in contact staat met klanten (architect, ontwerper, retailer, groothandelaar, installateur) die een tussenpersoon zijn tussen ons en de eindgebruiker. Hoewel we geen direct contact hebben met onze residentiële eindgebruikers en geen formeel betrokkenheidsproces hebben met onze commerciële eindgebruikers, voeren we regelmatig klanttevredenheidsonderzoeken uit om een beter inzicht te krijgen in de verwachtingen van de klant. Er is geen vaste regelmaat waarmee klantonderzoeken worden uitgevoerd. Het volgende algemene klantenonderzoek dat gepland staat, zal in 2025 voor Bentley-klanten zijn. Daarnaast staan we in nauw contact met onze belangrijkste klanten via onze Sales en Customer Service afdelingen, klantbezoeken aan onze showrooms en productiefaciliteiten en andere klantevenementen. We beschikken ook over de whistleblowing-tool en klanten en eindgebruikers kunnen het [email protected] e- mailadres of de contactpagina op onze website gebruiken om contact op te nemen met Belysse. Het hoogste niveau in de organisatie dat verantwoordelijk is om ervoor te zorgen dat de betrokkenheid bij klanten plaatsvindt en dat de resultaten de aanpak van het bedrijf mee helpen bepalen, zijn uiteindelijk de CEO & Managing Director Europe en de President & Chief Operating Officer van Bentley Mills. S4-3 Processen om negatieve impact te verhelpen en kanalen voor consumenten en eindgebruikers om bezorgdheden te uiten Onze productnalevingsprocessen met betrekking tot de naleving van chemische en technische producteigenschappen zorgen ervoor dat we voldoen aan de noodzakelijke voorschriften voor het gebruik van chemische stoffen en productveiligheidsnormen die in meer detail worden beschreven in sectie S4-4. Onze klanten staan in nauw contact met onze afdelingen Sales en Customer Service afdelingen, waar ze mogelijke bezorgdheden kunnen uiten of meer informatie kunnen vragen over onze producten en productveiligheid. Bovendien kan elke klant of eindgebruiker het contactformulier op onze website of het algemene contact e-mailadres gebruiken om aan te geven dat ze een probleem willen melden aan onze Compliance Officer. Er bestaan geen specifieke processen om de beschikbaarheid van kanalen in de downstream waardeketen te ondersteunen, maar verschillende kanalen zijn beschikbaar voor klanten en eindgebruikers om eventuele bezorgdheden te uiten. De nauwe contact van onze Sales en Customer Service afdelingen met onze klanten en de beschikbaarheid van een algemeen contactformulier en e-mailadres op onze website, geven ons het nodige vertrouwen dat onze klanten en eindgebruikers op de hoogte zijn van en kunnen vertrouwen op deze verschillende kanalen om hun bezorgdheden of behoeften te melden en te laten aanpakken. Persoonlijk contact met onze werknemers is typisch een eigenschap die klanten sterk associëren met onze merken, op basis van eerdere klantenonderzoeken die we hebben uitgevoerd. Sectie G1-1 Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur behandelt verder onze whistleblowing tool en de bescherming tegen vergelding voor iedereen die een probleem meldt via deze tool. Hetzelfde proces en dezelfde bescherming tegen vergelding is van toepassing op elke bezorgdheid die via de andere beschikbare kanalen aan onze Compliance Officer wordt geuit. S4-4 Actie ondernemen tegen materiële impact op consumenten en eindgebruikers, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het nastreven van materiële opportuniteiten met betrekking tot consumenten en eindgebruikers, en de effectiviteit van die acties Om eventuele negatieve gezondheidseffecten voor de eindgebruikers van onze producten te vermijden, voldoen we aan zeer strenge voorschriften voor het gebruik van chemische stoffen, zoals REACH en POP. Onze producten voldoen ook aan de minimumcriteria voor gezondheid en veiligheid zoals vastgelegd in de geharmoniseerde Europese norm EN14041, beter bekend als de CE-markering, met criteria voor veiligheid, slip, antistatische eigenschappen en gevaarlijke stoffen. In ons productontwerp richten we ons op het gebruik van materialen met een lage uitstoot van vluchtige organische stoffen. Naast het verminderen van de VOS-emissies, hebben we ons ten doel gesteld om geen schadelijke chemische stoffen te gebruiken. We nemen ook deel aan vrijwillige certificeringsprogramma's zoals: • Voor Bentley: Declare®, Cradle 2 Cradle (voor C2C-gecertificeerde producten), CRI Green Label Plus, Health Product Declaration (HPD™), FloorScore® • Voor modulyss: Cradle 2 Cradle (voor C2C-gecertificeerde producten), GUT, M1 • Voor ITC: GUT, TÜV Nord Allergiker, Blauer Engel Sociale informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 105 De acties die in 2024 zijn ondernomen, bestonden uit het onderhouden van deze processen en certificeringen. Dit is een terugkerende actie, zowel het opnieuw certificeren van bestaande producten wanneer de certificeringen hun eisen verstrengd hebben en/of wanneer certificeringen hun vervaldatum naderen, als het beoordelen en opstarten van het certificeringsproces voor nieuwe productlanceringen. De effectiviteit van onze acties is duidelijk zichtbaar in het feit dat onze producten voldoen aan de eisen van hogere niveaus van deze certificeringen, bijvoorbeeld het grote deel van onze producten dat een Cradle 2 Cradle zilver of goud certificering heeft behaald. Productkwaliteit die door certificaten onderbouwd wordt, is typisch een kenmerk dat klanten sterk associëren met onze merken, op basis van eerdere klantenonderzoeken die we hebben uitgevoerd. In 2024 zijn geen ernstige mensenrechtenkwesties en incidenten gemeld die verband houden met consumenten en/of eindgebruikers. We verwijzen naar sectie G1 – Governance voor een beschrijving van het proces dat Belysse zou volgen wanneer een probleem zou gemeld worden, ons algemene proces om de geschikte actie te ondernemen en de effectiviteit van dit proces te garanderen. S4-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheren van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten (consumenten en eindgebruikers) Er zijn geen specifieke, meetbare doelen met betrekking tot het beheren van materiële negatieve impact, het bevorderen van positieve impact en het beheren van materiële risico's en opportuniteiten die specifiek zijn voor consumenten en eindgebruikers - we zorgen ervoor dat al onze producten worden verkocht met de nodige transparante informatie en certificeringen. We beperken het risico van niet in staat te zijn om de noodzakelijke certificeringen te verstrekken die klanten vragen, door te streven naar voortdurende verbetering van onze producten om hoge certificeringsniveaus te bereiken. Onze teams in Sales, Customer Service, Product Development en Sustainability staan ook in nauw contact met onze klanten om een grondig inzicht te krijgen in hun informatievereisten en certificeringsbehoeften, inclusief mogelijke opkomst van nieuwe certificeringen die interessant kunnen zijn voor onze klanten of eindgebruikers. Governance informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 106 G1 – Governance G1. GOV-1 Rol van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen De volgende informatie is door middel van verwijzing opgenomen: • De beschrijving van de rol van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen is opgenomen in ESRS2 General Requirements, sectie GOV-1 'De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen'. G1. IRO-1 Beschrijving van processen om materiële impact, risico’s en opportuniteiten te identificeren en te beoordelen De volgende informatie is door middel van verwijzing opgenomen: • De beschrijving van het proces om materiële IRO's te identificeren is opgenomen in ESRS2 General Requirements, sectie IRO-1 'Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces'. G1 – Governance Bedrijfsvoering binnen de eigen operaties Positieve impact Belysse organiseert regelmatig trainingen voor werknemers met betrekking tot het zakelijk gedragsbeleid Eigen operaties Actuele impact Risico Risico op reputatieschade en/of financiële schade, mocht er zich een probleem met de bedrijfsvoering voordoen, zoals een cyberaanval of corruptie,... Eigen operaties 1 – 5 jaar Risico Risico op boetes, indien Belysse niet voldoet aan de toepasselijke wetgeving Eigen operaties 1 – 5 jaar G1-1 Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur Bedrijfsethiek De manier waarop we onze resultaten behalen is even belangrijk als de resultaten zelf, en dit is een belangrijke maatstaf voor het succes van het bedrijf. Ons engagement om op de juiste manier zaken te doen, betekent dat we integer handelen naar al onze stakeholders toe en dat we voor hen een betrouwbare en verantwoordelijke partner zijn. We hebben een reeks verschillende beleidsverklaringen en procedures ontwikkeld en blijven deze verder ontwikkelen, van nabij opvolgen en altijd up-to-date houden. Deze beleidsverklaringen zijn de operationele vertaling van de meest recente regelgeving en aanbevelingen, en omvatten de strenge normen van de groep op het vlak van ethiek en integriteit. Het beleid vormt een duidelijk regelgevend kader voor alle stakeholders en werknemers die actief zijn binnen en/of samenwerken met de bedrijven die deel uitmaken van de Belysse Group. Niet-exhaustieve voorbeelden van deze beleidsverklaring zijn: Compliance charter, Antifraude- en anticorruptiebeleid, Antitrustbeleid, Delegatie van bevoegdheden en ondertekeningsbeleid, Klokkenluidersbeleid, Gegevensbeschermingsbeleid, Beleid inzake datalekken, Cyber security beleid. Het hoogste niveau in de organisatie dat verantwoordelijk is voor de implementatie van deze beleidsverklaring, is de Group Compliance Officer. De belangrijkste uitdagingen waarmee Belysse vandaag de dag wordt geconfronteerd, zijn nog steeds de niet-naleving van de huidige antitrust-, GDPR- en economische sanctieregelgeving en het bewustzijn over cyber security kwesties. Daarom blijven we ons in ons compliance-programma voor 2024 richten op deze domeinen. Een ethische en compliancecultuur opbouwen Een doeltreffend compliance-programma vereist een stevig fundament. Het onze is opgebouwd uit vijf hoekstenen, gewijd aan het beschermen en behouden van de ethische en wettelijke naleving van Belysse, het handhaven van onze integriteit en reputatie: Governance informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 107 Leiderschap Het compliance-programma van Belysse wordt volledig gedragen door de Raad van Bestuur en het Managementcomité. Hun engagement om de compliance strategie van de Groep te versterken, is een drijvende kracht geweest achter onze ambitie om procedures en interne controles in te voeren om de hoogste ethische normen te handhaven en te voldoen aan alle relevante beleidsverklaringen en regelgeving. Als zodanig is compliance een integraal onderdeel geworden van onze bedrijfscultuur en de kern van de manier waarop we zakendoen. In elke vergadering van het Auditcomité van Belysse wordt een update gegeven over de genomen en te nemen compliance- actiepunten. Na regelmatige contacten en gesprekken met de Compliance Officer wordt het managementcomité actief betrokken en beslist het mee over de te nemen compliance-maatregelen. Risico-analyse We voeren op geregelde tijdstippen risico-analyses uit en beschikken over een robuust en proactief monitoringsysteem om problemen op te sporen en aan te pakken. De data en conclusies van dit systeem vormen de basis voor nieuwe of aangepaste beleidsmaatregelen, of koerswijzigingen in de focus en/of strategie van de Groep. Standaarden en controles De afgelopen jaren heeft Belysse sterk geïnvesteerd in een gestructureerd, compliance-programma voor de hele Groep. Het programma bestaat uit richtlijnen, procedures en tools om de belangrijkste compliance-risico's te identificeren, te beoordelen en aan te pakken. Ons beleid wordt jaarlijks en op ad-hoc basis herzien, bijvoorbeeld wanneer de toepasselijke wetgeving is veranderd. Daarnaast worden interne controles geleidelijk geïntegreerd in alle operationele processen in nauwe samenwerking met de financiële afdeling, credit management, de verschillende business units en andere relevante functies. Training en communicatie Compliance is een sleutelbegrip in onze bedrijfscultuur: het is van kapitaal belang voor onze dagelijkse bedrijfsvoering en vormt de basis voor onze visie, activiteiten, ons gedrag en zelfs onze manier van denken. Om compliance centraal te plaatsen, hebben we een jaarlijks trainingsprogramma voor al onze bedienden, inclusief online trainingen waarvoor we een overeen- komst hebben met een externe aanbieder van e-learning, en praktijksessies voor specifieke doelgroepen. Als onderdeel van hun introductie krijgen nieuwkomers in de onderneming bovendien een speciale cursus om hen vertrouwd te maken met de compliance-cultuur van Belysse. We hebben ook externe consultants en agenten toegevoegd aan het onboardingsprogramma om ervoor te zorgen dat al onze partners en werknemers volledig op de hoogte zijn van het beleid en de ethische normen van Belysse. Overzicht (monitoring – audits – respons) Bij Belysse hebben we een protocol van ‘checks and balances’ om compliance-problemen zo snel mogelijk op te sporen en aan te pakken. De Compliance Officer van Belysse en een juridische adviseur beheren samen het compliance-programma van Belysse op dagelijkse basis. Naast onze interne protocollen blijven we verder werken aan een sterk en wereldwijd kader voor compliance - in overeenstemming met de lokale wetgeving, gecontroleerd door de bevoegde instanties en nageleefd door al onze partners en werknemers wereldwijd. In 2024 bleven we verder werken aan een groter bewustzijn rond onze wereldwijde klokkenluidersprocedure als een effectief en toegankelijk instrument voor werknemers om wanpraktijken of andere compliance-problemen te melden of te escaleren, waardoor we snel en doortastend kunnen optreden en potentiële problemen in de kiem smoren. Door de drempel te verlagen en werknemers de kans (en verantwoordelijkheid) te bieden om op een discrete manier aan de alarmbel te trekken bij problemen die zich op de werkplek voordoen, zijn we ook in staat om handhavingsacties en reputatieschade te voorkomen. Belysse investeerde bovendien in een tool voor het screenen van ‘beperkte en geweigerde partijen’, die het bedrijf helpt om de naleving van de toepasselijke watchlists van over de hele wereld te verbeteren. Het online en dynamische systeem (d.w.z. automatische herscreening op dagelijkse basis) stelt Belysse in staat om op een eenvoudige manier klanten, leveranciers en anderen met wie het bedrijf of haar dochterondernemingen zaken doen, te screenen en onmiddellijk resultaten te ontvangen die nauwkeurig en eenvoudig te interpreteren zijn. Anti-discriminatie en ‘speak-up’ cultuur Werknemers kunnen via verschillende kanalen hun vragen, zorgen en/of problemen kenbaar maken. De eerste aanspreekpunten zijn de rechtstreekse leidinggevenden, de leden van het speciale HR-team, of -voor sociale kwesties- de opgeleide vertrouwenspersonen (in België). Daarnaast kan iedere medewerker terecht bij de Compliance Officer. Sinds oktober 2020 kunnen werknemers onze digitale whistleblowing-tool gebruiken om anoniem vooraf gedefinieerde soorten wanpraktijken of ongepast gedrag te melden, zoals gespecificeerd in het klokkenluidersbeleid van Belysse. Deze rapporten worden naar een speciale mailbox gestuurd die wordt beheerd door een externe en onafhankelijke organisatie, waarbij ervoor wordt gezorgd dat alle informatie op een eerlijke en vertrouwelijke manier wordt behandeld. Alle vragen en bezorgdheden worden geregistreerd. Governance informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 108 De whistleblowing-tool zelf wordt beheerd en onderhouden door een onafhankelijke externe partij. In een volgende fase worden de ingediende meldingen ter beoordeling voorgelegd aan de Compliance Officer van Belysse en de HR Director. Als een incident binnen het bestek van het beleid van Belysse valt, wordt dit onmiddellijk toegewezen aan een onderzoeksteam, samengesteld uit verschillende (interne en/of externe) experts, afhankelijk van het onderwerp. Een speciale groep mensen beslist vervolgens welke corrigerende maatregelen moeten worden genomen en bereidt een antwoord aan de klokkenluider voor. Deze groep personen bestaat uit de Compliance Officer van Belysse en de HR Director, en wordt afhankelijk van de aard van het incident, aangevuld met de CEO, CFO, relevante business unit manager, externe consultants / auditors / advocaten, en in geval van vermeende strafbare feiten, betrokkenheid van politieautoriteiten. Alle incidenten die via de whistleblowing-tool worden gemeld, worden voorgelegd aan het Auditcomité. In 2021 hebben we een intern protocol voor de behandeling van dergelijke gevallen opgesteld en geïmplementeerd, het zogenaamde 'Klokkenluidersflowchart'. Het interne klokkenluidersbeleid bepaalt dat, tenzij een klokkenluider willens en wetens een valse beschuldiging heeft geuit, in de loop van het onderzoek valse of misleidende informatie heeft verstrekt of op een andere manier te kwader trouw heeft gehandeld, de klokkenluider niet mag worden ontslagen, geschorst, bedreigd, lastig gevallen, geïntimideerd of het doelwit worden van vergelding als gevolg van het feit dat hij of zij te goeder trouw een melding heeft gedaan of heeft geholpen bij de behandeling of het onderzoek van een melding in het kader van het klokkenluidersbeleid. Dit beginsel van niet-vergelding is ook van toepassing als de melding uiteindelijk door het onderzoek ongegrond is gebleken. Klachten over vergelding tegen een klokkenluider worden zeer serieus genomen. Al deze klachten zullen onmiddellijk worden beoordeeld en, indien nodig, worden onderzocht. Verder zal de klokkenluidersprocedure er zoveel mogelijk voor zorgen dat de identiteit van de klokkenluider niet bekend wordt gemaakt en dat er door het onderzoek geen verband met hem of haar kan worden gelegd. Ten slotte kan de klokkenluider bij het doen van de melding naar eigen goeddunken kiezen of hij/zij anoniem wil blijven of niet. Het klokkenluidersbeleid en de bijbehorende tool werden in de hele Belysse Group geïmplementeerd en geïntroduceerd door een bedrijfs-brede bewustmakingscampagne in verschillende talen. In de toekomst zullen we onze cultuur van dialoog blijven promoten door middel van een verscheidenheid aan acties en communicatie. In de loop van 2024 is 1 incident gemeld. Naast het klokkenluidersbeleid heeft Belysse een goed klachtenmechanisme voor werknemers, dat grotendeels gebaseerd is op wettelijke vereisten. Deze systemen omvatten procedures, rollen en regels voor het ontvangen en afhandelen van klachten. Op elke vestiging in België hebben we gecertificeerde interne vertrouwenspersonen en hebben werknemers de mogelijkheid om problemen te melden aan (neutrale) externe adviseurs die gespecialiseerd zijn in psychosociale problemen. Iedereen die een probleem meldt, wordt beschermd tegen alle mogelijke vormen van vergelding. De vertrouwenspersonen in België hadden in 2024 0 dossiers, op basis van 18 gesprekken tegenover 15 vorig jaar. We hebben in 2024 opnieuw naar onze werknemers gecommuniceerd over de klokkenluidersregeling en de tool waarin incidenten gemeld kunnen worden. G1-2 Beheer van leveranciersrelaties Sociale en milieucriteria zijn een inherent onderdeel van ons selectieproces van potentiële leveranciers; allereerst vereisen we van al onze leveranciers dat ze de Belysse gedragscode voor leveranciers ondertekenen, die onze verwachtingen van leveranciers op het gebied van ethisch zakendoen, arbeids- en mensenrechten, gezondheid en veiligheid en ecologische duurzaamheid duidelijk uiteenzet. In 2024 hebben we onze leveranciersvereisten nog een stap verder gebracht door een formeel supply chain management- systeem te ontwikkelen waarmee we niet alleen leveranciers kunnen positioneren, maar ook de reeks vereisten kunnen definiëren waaraan alle belangrijke leveranciers moeten voldoen, waarbij we ons eerst richten op landen met een hoger inherent risico. Dit supply chain management-systeem omvat audits ter plaatse bij onze leveranciers. G1-3 Preventie en opsporing van corruptie of omkoping De Europese Unie heeft een beleid ter bestrijding van fraude, corruptie en witwaspraktijken ingevoerd, waarin de maatregelen ter bestrijding van fraude, corruptie en omkoping worden uiteengezet, omdat zij ervan overtuigd is dat een strenge wetgeving noodzakelijk is om onethische zakelijke praktijken te voorkomen. Belysse hanteert een nultolerantiebeleid ten aanzien van fraude, omkoping en corruptie, in overeenstemming met het Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie. Deze beleidsverklaring geldt voor al onze zakelijke transacties en transacties in alle landen waar wij of onze dochterondernemingen en werknemers actief zijn en is specifiek geïmplementeerd om fraude, omkoping en corruptie tegen te gaan. Governance informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 109 De naleving van deze beleidsverklaring in het hele bedrijf wordt nauwlettend en voortdurend gecontroleerd door de financiële afdeling van Belysse, die ook toezicht houdt op onze interne waarborgen en controles. We erkennen dat de blootstelling aan fraude en corruptie varieert binnen de Groep, afhankelijk van de aard en locatie van de activiteiten. In het verleden hebben we het gebruik van derden en tussenpersonen, zoals handelsagenten, als een risico aangemerkt. Deze doelgroepen worden nu opgenomen in onze communicatie- en opleidingsprogramma's en dat zal ook in de toekomst zo blijven. Het beleid inzake delegatie van autoriteit en ondertekening (DOAS), dat bepaalt wie moet worden geraadpleegd, wie een zakelijke beslissing moet goedkeuren voordat deze wordt genomen en wie de bevoegdheid heeft om de begeleidende documenten te ondertekenen, werd in 2022 geactualiseerd in overeenstemming met de organisatie van de Groep na de afstoting. We blijven gefocust op het bestrijden van fraude, corruptie en omkoping en vergroten het bewustzijn bij elke stap. Om deze focus verder te versterken, hebben we in 2024 een bijgewerkte, verplichte online training over anti-omkoping en corruptie en antitrust uitgerold. Alle bedienden zijn verplicht om deel te nemen aan een online training over anti-corruptie en anti-omkoping en om de nodige achtergrond-informatie te ontvangen over onze interne beleidsverklaringen met betrekking tot deze onderwerpen als onderdeel van hun onboarding proces. De training behandelt een breed scala aan onderwerpen, waaronder een algemene inleiding tot anti-corruptie, anti-omkoping en ethische richtlijnen, en behandelt verschillende scenario's en ethische dilemma's, waarin de deelnemers het juiste zakelijke gedrag en ethisch gedrag moeten selecteren. De deelnemers verwerven kennis over hoe anti-corruptiewetten en anti-omkopingswetten werken en hoe inbreuk op deze wetten van invloed kan zijn op ons bedrijf en hen als individuen. Aan het einde van elk onderdeel van de cursus moeten de deelnemers een quiz afleggen waarop ze een score van 80% moeten behalen voordat ze verder kunnen gaan met de training. De training is bedoeld om onze nultolerantie ten aanzien van omkoping, corruptie en ongepast zakelijk gedrag te vertalen naar het dagelijkse werk en ervoor te zorgen dat werknemers goed zijn voorbereid om te begrijpen wat goed zakelijk gedrag betekent en hoe ze kunnen voldoen aan ons beleid en de toepasselijke wetgeving. Het hoogste niveau in de organisatie dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van deze beleidsverklaring, is de Group Compliance Officer. Stakeholders waren niet direct betrokken bij het opstellen van deze beleidsverklaring, die sterk geïnspireerd is door het beleid van de Europese Unie ter bestrijding van fraude, corruptie en witwaspraktijken. Deze beleidsverklaring is gepubliceerd op de interne sharepoint van Belysse, die toegankelijk is voor alle Europese werknemers van Belysse. De functies binnen Belysse die het meeste risico lopen op betrekking tot corruptie en omkoping, zijn doorgaans managementfuncties, sales en procurement, vanwege het commerciële karakter van deze functies. 100% van de risicofuncties krijgen de trainingen over anti-omkoping en corruptie en anti-witwaspraktijken, aangezien deze trainingen verplicht zijn voor alle bedienden in de VS en Europa, en we ervoor zorgen dat onze actieve werknemers de training voor 100% voltooien (d.w.z. met uitzondering van mensen die afwezig zijn) G1-4 Incidenten van corruptie of omkoping In 2024 heeft Belysse geen: • Veroordelingen voor overtreding van anticorruptie- en anti-omkopingswetten • Boetes voor overtreding van anticorruptie- en anti-omkopingswetten • Bevestigde incidenten van corruptie of omkoping • Bevestigde incidenten waarbij eigen werknemers werden ontslagen of gestraft voor corruptie of omkoping gerelateerde incidenten • Bevestigde incidenten met betrekking tot contracten met zakenpartners die zijn beëindigd of niet zijn verlengd vanwege schendingen in verband met corruptie of omkoping • Rechtszaken met betrekking tot corruptie of omkoping tegen Belysse en/of haar eigen werknemers Het doel dat we hebben gesteld met betrekking tot het voorkomen van incidenten van corruptie of omkoping, is dat onze actieve werknemers de trainingen over anti-omkoping en corruptie en anti-witwaspraktijken voor 100% afronden. G1-5 Politieke invloed en lobbyactiviteiten Belysse neemt geen deel aan politieke beïnvloedings- en lobbyactiviteiten. Governance informae 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 110 G1-6 Betalingspraktijken Belysse is gericht op het verkrijgen van een evenwichtig werkkapitaal. Om die reden streven wij ernaar om met onze grootste leveranciers betalingstermijnen af te spreken die in lijn liggen met de voorwaarden die aan onze klanten zijn toegekend. De gemiddelde betalingstermijn van onze leveranciers ligt rond de 55 dagen en wordt maandelijks gemonitord. Over het algemeen zijn de betalingstermijnen in onze EU-divisie iets hoger in vergelijking met de Amerikaanse divisie. Deze gemiddelde betalingstermijn is gebaseerd op een DPO-berekening (Days Payable Outstanding) voor de hele Belysse Group, in plaats van een steekproef van leveranciers. Belysse heeft geen standaard betalingstermijnen ten aanzien van leveranciers. De betalingstermijn is gebaseerd op een individuele onderhandeling, waarbij de focus van Belysse doorgaans ligt op het verkrijgen van langere betalingstermijnen bij belangrijke grondstoffen-leveranciers, in evenwicht met andere commerciële overwegingen. Binnen Belysse hebben we geen gerechtelijke procedures voor laattijdige betalingen. In onze Amerikaanse divisie worden betalingen aan leveranciers wekelijks uitgevoerd, voor alle facturen die kort na de betalingstermijn verschuldigd zijn of zullen worden. In onze EU-divisie worden betalingen aan leveranciers gegroepeerd in twee maandelijkse betalingsruns op basis van een kalender; sommige facturen worden een paar dagen voor of na hun vervaldatum betaald. Belysse heeft geen specifieke beleidsmaatregel om late betalingen aan leveranciers te voorkomen; onze belangrijkste leveranciers zijn doorgaans geen kleine of middelgrote ondernemingen en er is geen IRO geïdentificeerd met betrekking tot betalingspraktijken of meer specifiek late betalingen aan leveranciers. Om deze reden is er ook geen doelstelling gezet voor betalingspraktijken. We hebben specifiek een gedragscode voor leveranciers. Betalingen aan leveranciers worden altijd uitgevoerd in overeenstemming met de betalingstermijnen die zijn overeengekomen na verificatie en goedkeuring van de leverancier in het specifieke compliance-proces (bv. controle aan de hand van sanctielijsten). PwC Bedrijfsrevisoren BV - PwC Reviseurs d'Entreprises SRL - Financial Assurance Services Maatschappelijke zetel/Siège social: Culliganlaan 5, B-1831 Diegem Vestigingseenheid/Unité d'établissement: Sluisweg 1 bus 8, B-9000 Gent T: +32 (0)9 268 82 11, F: +32 (0)9 268 82 99, www.pwc.com BTW/TVA BE 0429.501.944 / RPR Brussel - RPM Bruxelles / ING BE43 3101 3811 9501 - BIC BBRUBEBB / BELFIUS BE92 0689 0408 8123 - BIC GKCC BEBB 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 111 VERSLAG MET EEN BEPERKTE MATE VAN ZEKERHEID VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING VAN AANDEELHOUDERS OVER DE GECONSOLIDEERDE DUURZAAMHEIDSINFORMATIE VAN BELYSSE GROUP NV VOOR HET BOEKJAAR AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 2024 In het kader van de wettelijke assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van Belysse Group NV (de "Vennootschap") en haar filialen (samen de “Groep”), leggen wij u ons verslag over deze opdracht voor. De geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep is opgenomen in sectie “2. Duurzaamheidsverslag” van “2024 Jaarverslag” op 31 december 2024 en voor het jaar afgesloten op deze datum (hierna de “geconsolideerde duurzaamheidsinformatie”). Wij werden benoemd door de algemene vergadering van 22 mei 2024, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité van Belysse Group NV, voor het uitvoeren van een assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2024. Wij hebben onze assuranceopdracht over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep uitgevoerd gedurende 1 opeenvolgend boekjaar. Conclusie met een beperkte mate van zekerheid Wij hebben een assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep uitgevoerd. Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden en de verkregen assurance-informatie is niets onder onze aandacht gekomen dat ons ertoe aanzet van mening te zijn dat de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep, in alle van materieel belang zijnde opzichten: ● niet is opgesteld in overeenstemming met de vereisten bedoeld in artikel 3:32/2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, met inbegrip van de overeenstemming met de toepasbare Europese standaarden voor duurzaamheidsinformatie (European Sustainability Reporting Standards (ESRS)); ● niet in overeenstemming is met het door de Groep uitgevoerde proces (“het Proces”), zoals beschreven in toelichting “IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces” om de op grond van de Europese standaarden openbaar gemaakte geconsolideerde duurzaamheidsinformatie vast te stellen; ● de vereisten in artikel 8 van Verordening (EU) 2020/852 (de “Taxonomieverordening”) betreffende de openbaarmaking van de informatie, opgenomen in toelichting “Rapportering van de EU-taxonomieverordening”, niet naleeft. Basis voor de conclusie 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 112 Wij hebben onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid uitgevoerd overeenkomstig ISAE 3000 (Herzien), Assurance-opdrachten anders dan opdrachten tot controle of beoordeling van historische financiële informatie (“ISAE 3000 (Herzien)”) zoals van toepassing in België. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaard zijn uitvoeriger beschreven in de sectie van ons verslag ”Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie”. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de assuranceopdracht van de duurzaamheidsinformatie in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid. Wij passen de internationale standaard voor kwaliteitsmanagement 1 (ISQM 1) toe, die vereist dat het kantoor een kwaliteitsmanagementsysteem opzet, implementeert en in werking stelt, inclusief beleidslijnen of procedures met betrekking tot de naleving van ethische vereisten, professionele normen en toepasselijke wettelijke en regelgevende vereisten. Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen. Wij zijn van mening dat de door ons verkregen assurance-informatie voldoende en geschikt is als basis voor onze conclusie. Overige aangelegenheid D e reikwijdte van onze werkzaamheden is beperkt tot onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep. Onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid strekt zich niet uit tot informatie met betrekking tot de vergelijkende cijfers opgenomen in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie. Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur betreffende het opstellen van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opzetten en implementeren van een Proces en voor het toelichten van dit Proces in toelichting “IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces” van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie. Deze verantwoordelijkheid omvat: ● het begrijpen van de context waarin de activiteiten en zakelijke betrekkingen van de Groep plaatsvinden en het ontwikkelen van inzicht in haar betrokken belanghebbenden; ● het identificeren van de feitelijke en potentiële effecten (zowel negatieve als positieve) in verband met duurzaamheidskwesties, alsook van risico’s en opportuniteiten die de financiële positie, de financiële prestaties, de kasstromen, de toegang tot financiering of de kapitaalkosten van de Groep op korte, middellange of lange termijn beïnvloeden of waarvan redelijkerwijs zou kunnen worden verwacht dat zij hierop een invloed zullen hebben; 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 113 ● het beoordelen van de materialiteit van de vastgestelde effecten, risico’s en opportuniteiten in verband met duurzaamheidskwesties door passende drempelwaarden te selecteren en toe te passen; en ● het maken van veronderstellingen en schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn. De raad van bestuur is ook verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, die de door het Proces vastgestelde informatie bevat: ● in overeenstemming met de vereisten bedoeld in artikel 3:32/2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, met inbegrip van de toepasbare Europese standaarden voor duurzaamheidsinformatie (European Sustainability Reporting Standards (ESRS)); en ● met naleving van de vereisten in artikel 8 van Verordening (EU) 2020/852 (de “Taxonomieverordening”) betreffende de openbaarmaking van de informatie opgenomen in de toelichting “Rapportering van de EU- taxonomieverordening”. Deze verantwoordelijkheid omvat: ● het opzetten, implementeren en in stand houden van dergelijke interne beheersingsmaatregelen die de raad van bestuur noodzakelijk acht voor het opstellen van geconsolideerde duurzaamheidsinformatie die geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van fouten, bevat; en ● het kiezen en toepassen van geschikte methoden voor duurzaamheidsverslaggeving, en het maken van veronderstellingen en schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn. Het ESG comité is verantwoordelijk voor het toezicht op het duurzaamheidsverslaggevingsproces van de Groep. Inherente beperkingen bij het opstellen van de duurzaamheidsinformatie Bij het rapporteren van toekomstgerichte informatie in overeenstemming met de ESRS, wordt van de raad van bestuur vereist dat het de toekomstgerichte informatie opstelt op basis van toegelichte veronderstellingen over gebeurtenissen die zich in de toekomst kunnen voordoen en mogelijke toekomstige maatregelen van de Groep. De feitelijke uitkomst zal waarschijnlijk anders zijn, aangezien verwachte gebeurtenissen vaak niet plaatsvinden zoals verwacht en de afwijking daarvan van materieel belang kan zijn. Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie Het is onze verantwoordelijkheid om de assuranceopdracht te plannen en uit te voeren met het oog op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van fouten, bevat, en het uitbrengen van een assurance verslag met een beperkte mate van zekerheid waarin onze conclusie is opgenomen. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de beslissingen genomen door gebruikers op basis van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, beïnvloeden. 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 114 Als deel van een assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid overeenkomstig ISAE 3000 (Herzien), zoals in België van toepassing, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel- kritische instelling gedurende de opdracht. De uitgevoerde werkzaamheden in een opdracht met het oog op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid, waarvoor wij verwijzen naar de sectie “Samenvatting van de uitgevoerde werkzaamheden”, zijn minder uitgebreid dan in het geval van een opdracht met het oog op het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid. We brengen dan ook geen oordeel met een redelijke mate van zekerheid tot uitdrukking als deel van deze opdracht. Aangezien de toekomstgerichte informatie in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie en de veronderstellingen waarop deze is gebaseerd, betrekking hebben op de toekomst, kunnen deze worden beïnvloed door gebeurtenissen die zich mogelijk voordoen en/of door mogelijke acties van de Groep. De werkelijke uitkomsten zullen naar alle waarschijnlijkheid afwijken van de veronderstellingen, aangezien de veronderstelde gebeurtenissen zich veelal niet zullen voordoen zoals verwacht en de afwijking daarvan van materieel belang kan zijn. Onze conclusie biedt daarom geen garantie dat de gerapporteerde werkelijke uitkomsten zullen overeenkomen met diegene opgenomen in de toekomstgerichte informatie in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie. Onze verantwoordelijkheden ten aanzien van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, met betrekking tot het Proces, omvatten: ● Het verwerven van inzicht in het Proces, maar niet met het oog op het verstrekken van een conclusie over de effectiviteit van het Proces, met inbegrip van de uitkomst van het Proces; ● Het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden om te evalueren of het Proces in overeenstemming is met de beschrijving van het Proces door de Groep, zoals toegelicht in toelichting “IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces”. Onze overige verantwoordelijkheden ten aanzien van de duurzaamheidsinformatie omvatten: ● Het verwerven van inzicht in de beheersingsomgeving van de entiteit, de relevante processen en informatiesystemen voor het opstellen van de duurzaamheidsinformatie, maar zonder de opzet van specifieke controleactiviteiten te beoordelen, onderbouwende informatie over hun implementatie te verkrijgen of de effectieve werking van de opgezette interne beheersingsmaatregelen te toetsen; ● Het identificeren van de gebieden waar van materieel belang zijnde afwijkingen waarschijnlijk zullen optreden in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, of deze nu het gevolg zijn van fraude of fouten; en ● Het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden die inspelen op gebieden waar afwijkingen van materieel belang in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie zich waarschijnlijk zullen voordoen. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing. Samenvatting van de uitgevoerde werkzaamheden Een assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid omvat het uitvoeren van werkzaamheden om assurance-informatie te verkrijgen over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie. De werkzaamheden die bij 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 115 een opdracht met een beperkte mate van zekerheid zijn uitgevoerd, zijn verschillend in aard en timing en geringer van omvang dan voor opdrachten tot het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid. Daardoor ligt het niveau van zekerheid dat is verkregen bij een opdracht met een beperkte mate van zekerheid aanzienlijk lager dan wanneer een opdracht met een redelijke mate van zekerheid was uitgevoerd. De aard, timing en omvang van geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van professionele oordeelsvorming, waaronder de vaststelling van gebieden waar afwijkingen van materieel belang in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, als gevolg van fraude of van fouten, zich waarschijnlijk zullen voordoen. Bij het uitvoeren van onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid, met betrekking tot het Proces, hebben wij: ● Inzicht verworven in het Proces door ● het verzoeken om inlichtingen teneinde inzicht te verwerven in de bronnen van informatie gebruikt door het management (bijv. betrokkenheid van belanghebbenden, bedrijfsplannen en strategiedocumenten); en ● het beoordelen van de interne documentatie van de Groep gerelateerd aan haar Proces; en ● Geëvalueerd of de assurance-informatie verkregen uit onze werkzaamheden over het door de Groep geïmplementeerde Proces in overeenstemming was met de beschrijving van het Proces zoals uiteengezet in toelichting “IRO-1 Beschrijving van het materialiteitsbeoordelingsproces”. Bij het uitvoeren van onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid, met betrekking tot de duurzaamheidsinformatie, hebben wij: ● Inzicht verworven in de verslaggeving processen van de Groep die relevant zijn voor het opstellen van haar geconsolideerde duurzaamheidsinformatie door het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing, processen en het informatiesysteem die relevant zijn voor het opstellen van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie, maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep; ● Geëvalueerd of de informatie zoals vastgesteld door het Proces is opgenomen in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie; ● Geëvalueerd of de structuur en het opstellen van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie overeenstemt met de ESRS; ● Om inlichtingen verzocht bij relevant personeel en cijferanalyses uitgevoerd op geselecteerde informatie in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie; ● Gegevensgerichte assurance werkzaamheden uitgevoerd op basis van een steekproef op geselecteerde informatie in de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie; ● Assurance informatie verkregen over de methoden voor het ontwikkelen van schattingen en toekomstgerichte informatie geëvalueerd zoals beschreven in de sectie “Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie”; 02 Duurzaamheidsverslag Belysse Jaarverslag 2024 116 ● Inzicht verworven in het proces voor het vaststellen van economische activiteiten die voor de taxonomie in aanmerking komen en op de taxonomie afgestemd zijn en de overeenkomstige toelichtingen in de duurzaamheidsinformatie; Vermelding betreffende de onafhankelijkheid Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid, en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep. Gent, 23 april 2025 De commissaris, PwC Bedrijfsrevisoren BV Vertegenwoordigd door Wouter Coppens Bedrijfsrevisor Handelend in naam van Wouter Coppens BV 03 Corporate governance Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 118 Corporate Governance In dit hoofdstuk wordt meer informatie gegeven over het deugdelijk bestuur (Corporate Governance) van Belysse Group NV (hierna ook ‘Belysse’ of ‘de vennootschap’ genoemd). Corporate Governance Charter Conform artikel 3:6 §2, 1° van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (‘Belgisch Wetboek van Vennootschappen’ of ‘WVV’) baseert Belysse zich ter referentie op de Belgische Corporate Governance Code van 9 mei 2019 (de ‘Corporate Governance Code’). De Corporate Governance Code is te raadplegen op de website van de Belgische Commissie Corporate Governance (www.corporategovernancecommittee.be). Als een in België gevestigde, beursgenoteerde vennootschap die zich verbindt tot een hoge standaard inzake corporate governance, heeft de Raad van Bestuur in mei 2017 een Corporate Governance Charter ingevoerd, zoals vereist door de Corporate Governance Code. Dit Corporate Governance Charter wordt occasioneel bijgewerkt en werd voor het laatst herzien in 2022. Het kan gedownload worden in de rubriek ‘Corporate Governance’ op onze investeerderswebsite https://www.belysse.com/nl/over-ons/ corporate-governance. De vennootschap voldoet aan de regels van de Belgische Corporate Governance Code van 2020, tenzij uitdrukkelijk anders vermeld en verantwoord in deze Corporate Governance Verklaring. Kapitaal- en aandeelhoudersstructuur Kapitaal en kapitaalontwikkelingen Per 31 december 2024 bedraagt het kapitaal van de vennootschap € 260.589.621, vertegenwoordigd door 35.943.396 aandelen zonder nominale waarde. Elk aandeel geeft recht op één stem. In 2024 heeft geen kapitaalverkeer plaatsgevonden. Ontwikkelingen in de aandeelhoudersstructuur De opeenvolgende drempels die krachtens de wet van 2 mei 2007 van toepassing zijn op de bekendmaking van belangrijke deelnemingen in emittenten van wie aandelen zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt en andere bepalingen worden vastgesteld op 5% van de totale stemrechten, en 10%, 15%, 20%, enz. met toenemende intervallen van 5%. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 119 Aandeelhoudersstructuur De volgende tabel geeft de aandeelhoudersstructuur weer per 31 december 2024 op basis van de kennisgevingen door onderstaande aandeelhouder aan de vennootschap en de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (‘FSMA’) overeenkomstig artikel 6 van de Belgische wet van 2 mei 2007 op de kennisgeving van belangrijke deelnemingen: In de loop van 2024 werden aankopen (geen verkopen) gemeld van aandelen door personen met leidinggevende verantwoordelijkheid (‘PMDR’). Aandeelhouders Aandelen Aantal % LSF9 Belysse Holdco S.à r.l. 19.408.879 54.00% Prime AIFM Lux S.A. 2.529.400 7.04% DUMAC, Inc. 1.862.754 5.18% Management 83.500 0.23% Public 12.058.863 33.55% Dividendbeleid Behoudens de beschikbaarheid van uitkeerbare reserves en het ontbreken van wezenlijke externe groeimogelijkheden, heeft de vennootschap de intentie om een dividend te betalen van 30% tot 40% van haar nettowinst over het jaar, op basis van haar geconsolideerde jaarrekening opgesteld volgens IFRS. Het bedrag van de dividenden en de beslissing om in een jaar al dan niet dividenden uit te keren, kunnen worden beïnvloed door diverse factoren, waaronder de zakelijke vooruitzichten, kasstromen en wezenlijke groeimogelijkheden. Jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders De jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders vond plaats op 22 mei 2024. De aandeelhouders hebben kennisgenomen van het jaarverslag en het verslag van de commissaris met betrekking tot de statutaire en geconsolideerde jaarrekening over het boekjaar afgesloten op 31 december 2023 en de geconsolideerde jaarrekening over het boekjaar afgesloten op 31 december 2023. De aandeelhouders hebben het remuneratieverslag over het boekjaar eindigend op 31 december 2023 goedgekeurd. Voorts keurden ze de statutaire jaarrekening goed met betrekking tot het boekjaar afgesloten op 31 december 2023, met inbegrip van de bestemming van het resultaat zoals voorgesteld door de Raad van Bestuur. Zowel de bestuurders als de commissaris (PwC Bedrijfsrevisoren BV, met maatschappelijke bedrijfszetel te Culliganlaan 5, 1831 Machelen, vertegenwoordigd door M. Wouter Coppens) werden kwijting verleend voor de uitoefening van hun mandaat gedurende het boekjaar eindigend op 31 december 2023. De aandeelhouders keurden ook het bijgewerkte remuneratiebeleid van de vennootschap goed, opgesteld op advies van het Remuneratie- en Benoemingscomité, waarin tot uiting komt dat naast de onafhankelijke bestuurders van de vennootschap ook haar niet-uitvoerende bestuurders kunnen worden vergoed voor de uitoefening van hun mandaat. Bovendien keurden de aandeelhouders de “kwijting aandelenoptie” goed in de CVR overeenkomst van 7 december 2023 tussen de vennootschap, als moedermaatschappij, met bepaalde entiteiten van de Blantyre groep, als CVR Begunstigden, en Belysse NV, als CVR Emittent, in overeenstemming met artikel 7:151 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen (voor meer context verwijzen we naar de notulen van de Algemene Aandeelhoudersvergadering 2024 op de website van de vennootschap: https://www.belysse.com/nl/investeerders/shareholder- informatie/agm). De aandeelhouders benoemden ook PwC Bedrijfsrevisoren BV, met maatschappelijke zetel te Culliganlaan 5, 1831 Machelen, vast vertegenwoordigd door Wouter Coppens, eveneens bedrijfsrevisor, voor een periode van 1 jaar tot na de algemene vergadering die de jaarrekening per 31 december 2024 goedkeurt, voor de assurance-opdracht over de geconsolideerde duurzaamheidsrapportering voor boekjaar 2024. Deze opdracht zal worden beschouwd als de wettelijke opdracht zoals voorzien in de wet tot omzetting van de CSRD, zodra deze is afgekondigd. Buitengewone vergadering van aandeelhouders Na de jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders op 22 mei 2024 werd de buitengewone vergadering van aandeelhouders gehouden voor de notaris. In deze vergadering hebben de aandeelhouders hun goedkeuring gegeven over de hernieuwing van de bestaande machtiging inzake het toegestaan kapitaal overeenkomstig artikel 7:199 van het WVV en de aanpassing van artikel 6 van de statuten van de vennootschap, alsmede over de hernieuwing van de bestaande machtigingen voor de inkoop en vervreemding van eigen aandelen, inclusief door de dochtervennootschappen en inclusief ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel overeenkomstig de artikelen 7:215 en 7:218 van het WVV en de wijziging van artikel 16 van de statuten van de vennootschap. Na deze vergadering zijn de statuten van de vennootschap gewijzigd in overeenstemming met voornoemde besluiten. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 120 Dealing Code Op 29 augustus 2017 keurde de Raad van Bestuur de Dealing Code van de vennootschap goed, overeenkomstig de Europese Verordening Marktmisbruik EU 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 inzake marktmisbruik (‘MAR’). De Dealing Code beperkt transacties in effecten van Belysse door leden van de Raad van Bestuur en het Managementcomité, senior management en bepaalde andere personen tijdens gesloten en verboden periodes. De Dealing Code bevat ook regels betreffende de bekendmaking van voorgenomen en uitgevoerde transacties door leidinggevenden en nauw met hen verbonden personen door middel van een kennisgeving aan de vennootschap en aan de FSMA. De Secretaris van de Raad van Bestuur fungeert als Compliance Officer in de zin van de Dealing Code van Belysse. De Raad van Bestuur en Comités Belysse Group NV heeft een Raad van Bestuur, een Managementcomité, een Auditcomité, een Remuneratie- en Benoemingscomité en een ESG Comité. Raad van Bestuur Bevoegdheden van de Raad De Raad van Bestuur heeft de bevoegdheid om alle handelingen te stellen die noodzakelijk of nuttig worden geacht voor de verwezenlijking van het doel van de vennootschap, behalve die handelingen die krachtens de wet of de statuten specifiek zijn voorbehouden aan de aandeelhoudersvergadering of andere bestuursorganen. De Raad van Bestuur is in het bijzonder verantwoordelijk voor: • de vaststelling van de algemene beleidsstrategie van de vennootschap en haar dochterondernemingen; • de beslissingen over alle belangrijke strategische, financiële en operationele zaken van de vennootschap; • het toezicht op het beheer door de Chief Executive Officer (‘CEO’) en andere leden van het Managementcomité; en • alle andere zaken en verplichtingen (inclusief bekendmakingsverplichtingen) die door de wet of de statuten zijn voorbehouden of opgelegd aan de Raad van Bestuur. Samenstelling van de Raad van Bestuur Het WVV stelt verschillende bestuursmodellen voor. De vennootschap heeft gekozen voor monisme, d.w.z. één Raad van Bestuur. Dat bestuursmodel sluit aan bij het bestaande model en is het meest geschikt voor onze organisatie. Krachtens de statuten moet de Raad van Bestuur zijn samengesteld uit minstens vijf leden. Op 31 december 2024 bestond de Raad van Bestuur uit negen leden, waaronder drie onafhankelijke niet- uitvoerende bestuurders. De statuten geven LSF9 Belysse Holdco S.à r.l., zolang het minstens 50% bezit van het totale aantal door de vennootschap uitgegeven aandelen (wat het geval is), het recht om minstens vijf bestuurders voor te dragen voor benoeming door de aandeelhoudersvergadering. De duur van het mandaat van bestuurders is volgens de Belgische wetgeving beperkt tot zes jaar (verlengbaar), maar de Corporate Governance Code raadt aan de termijn tot vier jaar (verlengbaar) te beperken. De statuten beperken de duur van het mandaat van de bestuurders tot vier jaar (verlengbaar). De benoeming en de verlenging van het mandaat van bestuurders zijn gebaseerd op een aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité aan de Raad van Bestuur en moeten worden goedgekeurd door de aandeelhoudersvergadering, rekening houdend met de hierboven beschreven voordrachtrechten. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 121 Op 31 december 2024 was de Raad van Bestuur als volgt samengesteld: Naam Positie Bestuurder sinds Mandaat vervalt Cyrille Ragoucy Voorzitter van de Raad van Bestuur 2017 2025 Michael Kolbeck Niet-uitvoerend bestuurder en voorzitter van het Remuneratie- en Benoemingscomité 2017 2025 Accelium BV, vertegenwoordigd door Nicolas Vanden Abeele Onafhankelijk Bestuurder 2017 2025 Vanessa Temple Onafhankelijk Bestuurder 2022 2025 Itzhak Wiesenfeld Onafhankelijk Bestuurder 2019 2025 Neal Morar Niet-uitvoerend bestuurder en voorzitter van het Auditcomité 2018 2025 Hannah Strong Niet-uitvoerend bestuurder 2017 2025 Flora Siegert Niet-uitvoerend bestuurder 2022 2025 Patrick Lebreton Niet-uitvoerend bestuurder 2017 2025 Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 122 M. Hannes D’Hoop werd aangesteld als secretaris van de Raad van Bestuur. M. Cyrille Ragoucy heeft meer dan 30 jaar ervaring in senior managementfuncties. Op 1 maart 2024 werd hij opgevolgd door M. James Neuling als CEO van Belysse. Voor hij CEO werd van Belysse, was M. Ragoucy CEO van Tarmac Ltd (oorspronkelijk Lafarge Tarmac), een toonaangevend bedrijf voor bouwmaterialen en bouwoplossingen in het VK, waar hij toezicht hield op de oprichting van de joint venture tussen Lafarge SA en Anglo American en de integratie van verschillende overnames, voordat de entiteit in augustus 2015 werd overgenomen door CRH, een groot Iers bouwbedrijf. Van 1998 tot 2012 werkte M. Ragoucy bij Lafarge als CEO voor Lafarge Shui On Cement, een Chinese joint venture tussen Lafarge en Shui On, en als CEO van Lafarge Construction Materials voor Oost-Canada, naast andere functies op bestuurs- en uitvoerend niveau. M. Ragoucy behaalde een Master in Management aan de Université Paris IX Dauphine in Frankrijk. M. Michael Kolbeck is Managing Director en Head of Corporate Investments voor Europa bij Hudson Advisors UK Limited, dat advies verstrekt aan Lone Star en de fondsen die het beheert, met inbegrip van Lone Star Fund IX, een investeerder in de vennootschap. Voor hij bij Hudson startte in januari 2017, was hij Managing Director bij Lone Star Germany Acquisitions GmbH. Momenteel is hij ook bestuurslid bij Xella International S.A., een toonaangevend Europees bedrijf in bouwmaterialen, en bij Evoca S.p.A., een toonaangevende producent van professionele koffiemachines. Hij is ook waarnemer in het bestuur van LSF 10 Edilians Investments S.à r.l., een grote dakpannenfabrikant in Frankrijk, en in het bestuur van LSF11 Folio Lux S.à r.l., een toonaangevende specialist voor de wereldwijde flexografische printindustrie. Alvorens hij bij Lone Star en Hudson begon in 2004, werkte de heer een aantal jaren voor Allianz Group als vermogensbeheerder. M. Kolbeck behaalde een Master in Business Administration aan de Ludwig-Maximilians-Universität in München, Duitsland. M. Nicolas Vanden Abeele is CEO van Ascom (sinds 2022), een internationale aanbieder van ICT-oplossingen en medische technologie voor de gezondheidszorg en de zakelijke markt. Hij is een ervaren leidersfiguur met meer dan 25 jaar ervaring in meerdere markten en kan bogen op een diepgaande commerciële, financiële en operationele expertise. Nicolas heeft een waardevolle staat van dienst in het versnellen van de verkoop, bedrijfstransformatie en operationele uitmuntendheid in verschillende leidinggevende functies. Vóór Ascom maakte hij deel uit van het managementteam van Barco, een wereldleider in visualisatieoplossingen (van 2017 tot 2021) en bij de Etex Group (van 2011 tot 2017), een toonaangevend bouwmaterialenbedrijf, waar hij aan het hoofd stond van de divisie Isolatie- en Bouwmaterialen. Vóór Etex Group bekleedde hij diverse internationale uitvoerende functies in de technologiesector bij Nokia/Alcatel-Lucent (met benoemingen in Amerika en Azië), en was hij strategisch adviseur bij Arthur Andersen. M. Vanden Abeele behaalde een Master in Business Administration (KU Leuven, België), een Master in Management (Solvay School of Management/ULB, België) en een Master in International Business and European Economics (Europacollege, België). Mevr. Vanessa Temple is sinds april 2022 ESG Lead voor ING België. Tussen Q1 2021 en Q1 2022 was ze lid van het Climate Risk-team van de ING Groep. Voorheen leidde ze het Belgische team in Capital Structuring and Advisory van ING, gevolgd door een functie als hoofd van de ING Corporate Sector-teams voor België, Luxemburg en Scandinavië. Daarvóór ontwikkelde Mevr. Temple financiële producten en complexe financieringsprogramma’s bij de grootbank, zoals bedrijfsovernamefinanciering en obligaties voor bedrijven en KMO’s. Aan het begin van haar carrière werkte ze ook 3 jaar lang in Singapore, waar ze Corporate Relationships Manager was voor ING. Mevrouw Temple heeft een masterdiploma in Business Engineering (Leuven School of Management, België). Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 123 M. Itzhak (Tzachi) Wiesenfeld heeft 30 jaar ervaring in senior managementfuncties. Hij was 12 jaar lang CEO van EMEA bij ASSA ABLOY, wereldmarktleider in deuroplossingen die een omzet van € 2 miljard had, 10.000 werknemers in 40 fabrieken en 100 verkoopkantoren. Onder de leiding van M. Wiesenfeld steeg de omzet in EMEA met 50% en genereerde de divisie hoge winsten en sterke kasstromen. Daarvoor was M. Wiesenfeld CEO van ASSA ABLOY in het Verenigd Koninkrijk en CEO van Mul-T-Lock in Israël. Hij heeft ervaring met het optimaliseren van de voetafdruk van de productie, het digitaliseren van industriële bedrijven en het uitvoeren van verschillende M&A-transacties. Zijn commerciële achtergrond ligt onder meer in B2B en B2C in een competitieve multi-channel marktomgeving. M. Wiesenfeld is momenteel voorzitter van ACRE, een internationaal bedrijf in netwerk- en veiligheidsoplossingen dat gevestigd is in Dallas (Texas, VS), en van iLOQ, een snelgroeiend Fins bedrijf dat gespecialiseerd is in digitale sluitsystemen en eigendom is van Nordic Capital. Hij is ook lid van de Raad van Bestuur van FläktGroup, een Europese marktleider in oplossingen voor ventilatie en luchtbehandeling, die eigendom is van Triton Partners. Bovendien is hij een senior industry expert en is hij in die hoedanigheid vooral betrokken bij fusies en overnames voor private equity-firma’s. M. Wiesenfeld heeft een Bacherlordiploma in Industrial Engineering en een MBA. Hij was ook een Sloan Fellow aan de London Business School. Hij heeft een dubbele (Britse en Israëlische) nationaliteit. M. Neal Morar is Director in het Corporate team bij Hudson Advisors UK Limited dat advies verleent aan Lone Star en de fondsen die het beheert, met inbegrip van Lone Star Fund IX, dat een investeerder is in de vennootschap. Vóór zijn huidige functie was hij gedurende 5 jaar UK CFO van Hudson Advisors UK Limited en zat hij in de raden van bestuur van verschillende internationale entiteiten in diverse sectoren, waaronder hotels en projectontwikkelingen, kredietbeheer en equity release. Voor hij bij Hudson in dienst trad in 2012, werkte M. Morar 5 jaar als Managing Director, International CFO voor AIG Investments en 10 jaar in verschillende CFO-functies voor de FTSE100 Capita Group. Daar was hij onder meer verantwoordelijk voor het oprichten en beheren van een captive center in Mumbai, India, in 2003. M. Morar is sinds 1996 lid en sinds 2001 een Fellow van de Association of Chartered Certified Accountants (FCCA). Hij is ook al 20 jaar gereguleerd bij de FCA (VK), JFSC (Jersey) en CBI (Ierland) in verschillende hoedanigheden. M. Morar behaalde een diploma in Accounting and Finance aan de University of Hertfordshire in het Verenigd Koninkrijk. Mevr. Hannah Strong is Senior Vice President, Legal Counsel bij Hudson Advisors UK Limited dat advies verleent aan Lone Star en de fondsen die het beheert, met inbegrip van Lone Star Fund IX, dat een investeerder is in de vennootschap. Vóór haar huidige functie bij Hudson werkte Mevr. Strong als bedrijfsjurist bij The Carlyle Group (2013-2017) en was ze vennoot bij Latham & Watkins in Londen (2007-2013). Mevr. Strong is een ervaren adviseur met een grote ervaring in juridische en compliance-kwesties waarmee bedrijven in tal van sectoren en landen te maken hebben. Mevr. Strong behaalde een Bachelor in Rechtsleer aan Oxford University. Mevr. Flora Siegert is juridisch adviseur bij Lone Star Capital Investments S.à r.l., een Belysse-belegger. Vóór haar huidige functie was ze een medewerker in de vennootschaps- en financieringsafdeling bij Elvinger Hoss Prussen en werkte ze in de M&A-afdeling van Canal+, een dochteronderneming van de Vivendi Group. Momenteel is ze ook lid van de raad van bestuur bij verschillende multinationale ondernemingen: • LSF11 Folio Lux S.à r.l., de entiteit aan het hoofd van XSYS, een toonaangevende leverancier van verbruiksartikelen en apparatuur voor de flexografische geprinte verpakkingsindustrie • LSF11 Magpie Topco S.à r.l., een investeerder in Manuchar NV, een toonaangevende distributeur van chemicaliën en grondstoffen in opkomende markten • LSF10 XL Holdings S.à.r.l., een indirecte aandeelhouder van Xella International S.A., een grote Europese bouwmaterialengroep Mevr. Siegert heeft een masterdiploma in Global Business Law and Governance (Columbia Law School New York, VS), Business Law (Sorbonne University Paris, Frankrijk) en in Law and Economics (Parijs Instituut voor Politieke Studies, Frankrijk). M. Patrick Lebreton is Managing Director Corporate bij Hudson Advisors UK Limited dat advies verleent aan Lone Star en de fondsen die het beheert, met inbegrip van Lone Star Fund IX, dat een investeerder is in de vennootschap. Vóór Hudson was M. Lebreton bestuurder (Operating Partner) bij Montagu Associates (2012-2015), dat advies verleent aan Montagu Private Equity Fund. Van 2004 tot 2012 was hij Executive Vice President in de Portfolio Group bij Bain Capital. Daarvoor bekleedde hij ook uitvoerende functies bij General Electric en was hij manager bij Accenture. M. Lebreton is een gepensioneerd officier van het Amerikaanse leger en nam deel aan operatie Desert Storm. Momenteel is hij niet-uitvoerend bestuurder bij McCarthy and Stones, een Brits bedrijf dat gespecialiseerd is in de bouw en het beheer van woonzorgcentra en rusthuizen, en van Edilans S.à r.l., een toonaangevende Franse producent van dakbedekkingsproducten. M. Lebreton behaalde een Bachelor of Science in International Economics and Finance aan de Georgetown University en een MBA aan de Harvard Business School. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 124 Evolutie in de samenstelling tijdens 2024 en na jaareinde Er waren geen wijzigingen in de samenstelling van de Raad van Bestuur in 2024. Op 14 februari 2025 is Mevr. Flora Siegert teruggetreden als niet-uitvoerend bestuurder. Op 6 maart 2025 vervoegde Mevr. Claire Knollys de Raad van Bestuur als niet-uitvoerend bestuurder door middel van coöptatie en voor de resterende duur van het mandaat van Mevr. Flora Siegert. Mevr. Knollys is een bestuurder bij Hudson Advisors UK Limited, een bedrijf dat Lone Star Funds adviseert, inclusief Lone Star Fund IX, een investeerder in Belysse. Mevr. Knollys heeft meer dan 22 jaar ervaring in international tax en is zowel in het VK als in de VS gekwalificeerd. Haar ervaring omvat: • Vijf jaar bij Hudson Advisors UK Limited verantwoordelijk voor de fiscale structureringen van investeringen aangehouden door bepaalde van de Lone Star Funds • Drie jaar leiding geven aan het EMEA internationaal tax team bij Expedia Group • Veertien jaar bij PwC met focus op international tax voor M&A, bedrijfsherstructureringen en private- equity transacties, in talrijke rechtsgebieden. Ze werkte hierbij acht jaar vanuit Londen en zes jaar vanuit San Francisco Mevr. Knollys heeft haar Master in Taxation gehaald aan de Braden School of Taxation (Golden Gate University, VS) en een Bachelor diploma aan de universiteit van Southamption (VK) in Management Sciences. Ze is lid van het Institute of Chartered Accountants in England en Wales en behaalde het statuut van Fellow in 2016. Werking van de Raad van Bestuur In principe komt de Raad van Bestuur minstens vijf keer per jaar bijeen. Bijkomende vergaderingen kunnen te allen tijde met passende kennisgeving worden bijeengeroepen om specifieke zakelijke behoeften te bespreken. In totaal is de Raad zes (6) keer bijeengekomen. Alle bestuursleden (of hun vertegenwoordigers) tekenden aanwezig. De belangrijkste onderwerpen die in 2024 door de Raad van Bestuur werden besproken, waren: • de financiële en algemene prestaties van de groep; • voortdurend toezicht op de cashflowsituatie, het actieplan voor aankopen en follow-up van de evolutie van de marktomstandigheden en de effecten van de implementatie van de prijszetting; • executie, evaluatie en opvolging van initiatieven op het vlak van gezondheid en veiligheid; • presentatie en gedetailleerde follow-up van de vooruitgang die werd geboekt met het vierjarige programma BEYOND voor duurzaamheid, innovatie, efficiëntie en flexibiliteit van de vennootschap; • algemene strategische, financiële en operationele zaken van de vennootschap; • opvolging van de voltooiing van de lift en shift van het ERP platform na afronden van de Desinvestering; • op aanbeveling van het Auditcomité, goedkeuring van de driemaandelijkse en halfjaarlijkse financiële resultaten en de bijbehorende verslagen en persberichten, herfinancieringsmogelijkheden, het budget voor 2024, de voltooiing van de herfinanciering van al de uitstaande Senior Secured Notes met vervaldatum in 2024, met de opbrengsten van een nieuwe gecommitteerde Term Facility van €120 miljoen (equivalent) door dochtervennootschap LSF9 Belysse Investments S.à r.l., waarna de uitstaande senior schulden van de Groep nu bestaan uit de nieuwe Term Facility een €20 miljoen Super Senior Revolving Credit Facility en de €1,8 miljoen senior notes met vervaldatum in 2030 , de goedkeuring van de overgang naar een rapporteringsstructuur waarbij een jaarverslag, een halfjaarverslag en driemaandelijkse trading updates zullen worden gepubliceerd en beschikbaar gesteld op de Investor Relations pagina van de Groep en de goedkeuring van de herziene versie van het DOAS-beleid van de Groep; • op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité, de goedkeuring van de bonus voor 2023 en het bonussysteem voor 2024 voor de leden van het Managementcomité, goedkeuring van de comp & ben-pakketten van de leden van het Managementcomité en anderen, goedkeuring van het nieuwe contract van de CEO, goedkeuring van het nieuwe contract van de voorzitter, de herbenoeming van een bestuurder en de herbenoeming van de commissaris; • opvolging van specifieke acties en projecten en goedkeuring van relevante documenten die verband houden met die projecten; • Opvolging van de rapportering van het ESG-commité en het voorstel van de benoeming van de commissaris voor een periode van 1 jaar tot na de algemene vergadering die de jaarrekening per 31 december 2024 goedkeurt, voor de assurance- opdracht voor de geconsolideerde duurzaamheidsrapportering voor boekjaar 2024; • Goedkeuring van de ondernemingsstrategie; • Goedkeuring van enkele voorbehouden aangelegenheden, onder andere met betrekking tot de herfinanciering. De Raad van Bestuur wordt samengeroepen door de voorzitter of de CEO telkens wanneer het belang van de vennootschap dat vereist, of op verzoek van twee bestuurders. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 125 Aanwezigheid van de Bestuurders op de vergaderingen van de Raad van Bestuur en Comités Naam Raad van Bestuur Auditcomité Remuneratie- en Benoemingscomité ESG comité Cyrille Ragoucy 6/6 3/3 Michael Kolbeck 6/6 3/3 Accelium BV, vertegenwoordigd door Nicolas Vanden Abeele 6/6 6/6 3/3 Vanessa Temple 5/6 6/6 3/3 Itzhak Wiesenfeld 5/6 2/3 Neal Morar 6/6 6/6 Hannah Strong 6/6 Flora Siegert 6/6 Patrick Lebreton 1/6 Onder leiding van de voorzitter zal de Raad regelmatig zijn omvang, samenstelling en werking en die van zijn comités evalueren, evenals de relatie met het uitvoerend management. De CEO en andere uitvoerende managers worden uitgenodigd om de vergaderingen bij te wonen als dat nodig wordt geacht. De Chief Financial Officer (‘CFO’) is aanwezig op alle vergaderingen van de Raad van Bestuur en ook andere leden van het Managementcomité worden regelmatig uitgenodigd. Dat garandeert een goede interactie tussen de Raad van Bestuur en het management. Diversiteit Voor vennootschappen waarvan de effecten voor het eerst tot een gereglementeerde markt worden toegelaten, moet vanaf de eerste dag van het zesde boekjaar dat begint na de beursintroductie, voor de vennootschap is dat vanaf 1 januari 2023 worden voldaan aan de vereiste dat ten minste één derde van de bestuursleden van een ander geslacht moet zijn dan de overige leden. Momenteel is één derde van onze bestuursleden vrouwelijk, wat betekent dat aan de bovengenoemde vereiste wordt voldaan. Onze Raad van Bestuur beschikt ook over een mix van expertise op verschillende operationele gebieden. We staan voor de uitdaging om ons ruimer personeelsbestand divers te maken en gelijke kansen te creëren, ongeacht geslacht, ras of culturele achtergrond, gezien de aard van onze activiteiten. In 2020 heeft het Managementcomité de nieuwe ambitie gelanceerd om tegen 2030 minstens 40% vrouwen te hebben in alle lagen van het topmanagement van Belysse Group. Dat zou een weerspiegeling zijn van de verdeling van mannen en vrouwen in onze hele organisatie. Het verhogen van de genderdiversiteit op de werkvloer en in de leiderschapsteams is een kritische succesfactor en zal ons helpen betere beslissingen te nemen en meer innovatieve bedrijfsoplossingen te ontwikkelen. Een aangetoonde focus op gendergelijkheid stelt een organisatie in staat de beste talenten aan te trekken en te behouden. Het zorgt er ook voor dat alle werknemers binnen de organisatie toegang hebben tot gelijke kansen bij het ontwikkelen van hun carrière in een werkomgeving zonder vooroordelen. De medewerkers van Belysse hebben uiteenlopende achtergronden en zijn vertegenwoordigd in alle leeftijdsgroepen, van onze geïdentificeerde ‘toekomstige leiders’ tot ‘medewerkers met diepgaande gespecialiseerde kennis’. Bovendien vormen ze een genderdivers team met een toenemend aantal vrouwen in managementfuncties. Als wereldwijd bedrijf met hoofdzetel in België zijn we actief in verschillende talen en hebben we meer dan 35 nationaliteiten in dienst, verspreid over 4 hoofdlocaties op 2 continenten. Dat wordt weerspiegeld in het Managementcomité, dat is samengesteld uit verschillende nationaliteiten: Australië, België en de VS. We zijn er stellig van overtuigd dat we door de juiste mensen voor de juiste functies aan te nemen een evenwichtige werkplek stimuleren. Dit heeft zich vertaald in nagenoeg een status-quo van het genderevenwicht aan het eind van 2024. We hebben heel wat acties opgezet ter bevordering van een optimaal evenwicht tussen werk en privéleven voor mannen en vrouwen. Op die manier moedigen we al onze medewerkers en managers aan om over te stappen op deze nieuwe manier van werken. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 126 Auditcomité In overeenstemming met boek 7, titel 4, hoofdstuk 1 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en artikel 5.2 van de Corporate Governance Code, heeft de Raad van Bestuur van Belysse een Auditcomité opgericht. In de loop van 2024 bestond het Auditcomité uit drie leden, waarvan allen niet-uitvoerende bestuurders zijn en waarvan een meerderheid onafhankelijke bestuurders zijn. In de loop van 2024 kwam het Auditcomité zes (6) keer bijeen. Zoals vereist door het Belgisch Wetboek van Vennootschappen, beschikt M. Neal Morar, de voorzitter van het Auditcomité, over de nodige deskundigheid en ervaring op dit gebied. Er wordt verwezen naar zijn biografie in de sectie ‘Samenstelling van de Raad van Bestuur’ hierboven. De voorzitter brengt aan de raad van bestuur verslag uit over de resultaten van elke vergadering. De CEO en de CFO zijn geen leden van het Auditcomité, maar worden uitgenodigd om deel te nemen aan de vergaderingen. Dat waarborgt een goede interactie tussen het comité en het management. Indien nodig, worden andere leden van de Raad van Bestuur uitgenodigd om deel te nemen aan de vergaderingen van het Auditcomité. De commissaris woonde drie vergaderingen bij waarin hij verslag uitbracht over de resultaten van de audit en het globale auditplan voorstelde. Naast zijn statutaire bevoegdheden en zijn bevoegdheden onder het Corporate Governance Charter, besprak het Auditcomité de volgende belangrijke onderwerpen: de kwartaalcijfers, de herfinancieringsmogelijkheden, de compliancestrategie en -beleidsregels, het budget van 2025, het herfinancieringsproject, de opstart van het nieuwe ERP project, aanbeveling aan de Raad van Bestuur over de herwerkte DOAS policy en de goedkeuring van niet-auditdiensten. Naam Functie Mandaat sinds Mandaat vervalt Neal Morar Niet-uitvoerend bestuurder en voorzitter van het Auditcomité 2018 2025 Accelium BV, vertegenwoordigd door Nicolas Vanden Abeele Lid en onafhankelijk bestuurder 2017 2025 Vanessa Temple Lid en onafhankelijk bestuurder 2022 2025 Remuneratie- en Benoemingscomité In overeenstemming met de bepalingen in boek 7, titel 4, hoofdstuk 1 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en artikel 5.3 en 5.4 van de Corporate Governance Code, heeft de Raad van Bestuur een Remuneratie- en Benoemingscomité opgericht. In de loop van 2024 bestond het Remuneratie- en Benoemingscomité uit drie leden, waarvan allen niet-uitvoerende bestuurders zijn en waarvan een meerderheid onafhankelijke bestuurders zijn: Naam Functie Mandaat sinds Mandaat vervalt Michael Kolbeck Voorzitter en niet-uitvoerend bestuurder 2017 2025 Accelium BV, vertegenwoordigd door Nicolas Vanden Abeele Lid en onafhankelijk bestuurder 2017 2025 Itzhak Wiesenfeld Lid en onafhankelijk bestuurder 2019 2025 Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 127 In 2024 kwam het Remuneratie- en Benoemingscomité drie (3) keer bijeen. De CEO en de HR Director zijn geen leden van het comité, maar worden uitgenodigd om deel te nemen aan de vergaderingen, tenzij de leden van het comité afzonderlijk wensen te vergaderen (bijv. bij bespreking van bezoldigingen). Dat waarborgt een goede interactie tussen het comité en het management. Naast zijn statutaire bevoegdheden en zijn bevoegdheden onder het Corporate Governance Charter, besprak het Remuneratie- en Benoemingscomité de volgende belangrijke onderwerpen: de prestaties van de leden van het Managementcomité, de betaling van de bonus voor 2023 voor de leden van het Managementcomité en het algemene management, de vergoedingen en voordelen voor 2024 voor de leden van het Managementcomité, evaluatie van de verloning en prestaties van de leden van het Managementcomité, de Bentley organisatie, de aanbeveling aan de Raad van Bestuur met betrekking tot de benoeming van Mevr. Vanessa Temple als voorzitter van het ESG Comité, het 2023 remuneratieverslag en -beleid, en de talent- en retentieplanning voor managers van de Europese en VS Divisie op sleutelposities, HR uitdagingen en beoordelingen van talentvolle medewerkers, overweging van de veranderingen in leiderschap (nieuwe CEO M. Andrew James Neuling en toekomstige rol van de vorige CEO M. Cyrille Ragoucy). ESG Comité In November 2023 heeft de Raad van Bestuur een ESG comité opgericht voor een initiële duurtijd van drie jaar. In overeenstemming met haar intern reglement is het doel van het ESG Comité om toezicht te houden op wettelijke vereisten en ervoor te zorgen dat de vennootschap deze naleeft, om de effecten en de belangrijkste risico's en opportuniteiten waarmee de vennootschap wordt geconfronteerd met betrekking tot milieu-, sociale en bestuurlijke factoren die een invloed hebben op de langetermijnprestaties van de vennootschap op te volgen. Het ESG comité houdt toezicht op het gedrag, de prestaties en de verslaggeving van de vennootschap met betrekking tot dergelijke materiële ESG-aangelegenheden, informeert de Raad van Bestuur en doet aanbevelingen aan de Raad van Bestuur waar beslissingen, maatregelen of verbeteringen nodig zijn. Het ESG Comité wordt voorgezeten door Vanessa Temple, onafhankelijk en niet-uitvoerend bestuurder van de vennootschap. Op 31 december 2024 zijn de leden van het ESG Comité: Naam Functie Vanessa Temple Voorzitter van het ESG Comité en onafhankelijk bestuurder van de vennootschap Cyrille Ragoucy Lid en Voorzitter van de Raad van Bestuur Andrew James Neuling Lid en Chief Executive Officer Andy Rogiest Lid en Chief Financial Officer Ruben Pattheeuws Lid en Directeur Duurzaamheid en Strategische Projecten Tine Pieters Lid en Duurzaamheidsmanager Belangrijke onderwerpen die in 2024 door het ESG Comité werden behandeld, waren: rapportering over de status van de BEYOND KPI's, de CSRD-roadmap en SBTi-doelen van de vennootschap, ontwikkeling van ESG-governance en ESG- risicomonitoring van de vennootschap, follow-up van de voortgang van ESG-projecten en de aanbeveling aan de Raad van Bestuur over het intern reglement van het ESG Comité. Chief Executive Officer Per 1 maart 2024 werd M. Neuling door de Raad van Bestuur benoemd tot CEO als opvolger van Cyrille Ragoucy. De CEO rapporteert rechtstreeks aan de Raad van Bestuur. Hij heeft de directe operationele verantwoordelijkheid voor de vennootschap en houdt toezicht op de organisatie en het dagelijks bestuur van de vennootschap en haar dochterondernemingen. De CEO is verantwoordelijk voor de uitvoering en de opvolging van alle beslissingen van de Raad van Bestuur. De CEO leidt het Managementcomité, dat aan hem rapporteert, binnen het kader dat is vastgesteld door de Raad van Bestuur en onder zijn uiteindelijke supervisie. Managementcomité De CEO leidt het Managementcomité. De andere leden van het Managementcomité worden benoemd en kunnen worden ontslagen door de Raad van Bestuur op advies van de CEO en het Remuneratie- en Benoemingscomité. Het Managementcomité voert de taken uit die worden toegewezen door de CEO, onder het uiteindelijke toezicht van de Raad van Bestuur. De samenstelling van het directiecomité van de vennootschap is gewijzigd in 2024 als gevolg van het terugtreden van M. Ragoucy als CEO op 1 maart 2024 en de benoeming van M. Neuling als CEO. Per 31 december 2024 bestaat dit uit volgende leden: Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 128 Naam Punctie EQIDNA BV, vertegenwoordigd door Andrew James Neuling Chief Executive Officer ANMIRU BV, vertegenwoordigd door Andy Rogiest Chief Financial Officer Jay Brown President Bentley Mills Charlotte Veys HR Director M. Andrew James Neuling vertegenwoordiger van EQIDNA BV) trad in oktober 2022 in dienst bij Belysse als Managing Director voor Europa en werd CEO op 1 maart 2024. Hij is een ervaren en dynamische executive die veel ervaring heeft opgedaan in een aantal sectoren waar hij seniorfuncties bekleedde. Hij begon zijn carrière in Zuidoost-Azië in de verlichtingssector waar hij opklom tot Regional Manager voor Zumtobel voordat hij naar Europa verhuisde voor zijn MBA. De heer Neuling ging vervolgens aan de slag bij GE Plastics in een senior commerciële functie en leidde vervolgens de van GE's Europese vellen- en folieactiviteiten. Vervolgens reorganiseerde en twee wereldwijde divisies bij Rio Tinto Alcan, voordat hij leidinggevende functies kreeg bij Mondi Group en Scapa. In 2017 werd de heer Neuling benoemd tot vicepresident bij Beaulieu Flooring Solutions. Vlak voor Belysse hielp hij Melrose bij de verkoop van Nortek HVAC aan Madison. M. Neuling heeft een Bachelor’s degree in Electrical & Electronic Engineering (University of Adelaide, Australië), een Graduate Diploma in Marketing (Thames Business School, Singapore) en een Master of Business Administration (IMD Business School, Zwitserland). M. Andy Rogiest (vertegenwoordiger van ANMIRU BV) werd begin juni 2022 benoemd tot Chief Financial Officer van Belysse. Hij heeft een uitgebreide ervaring in corporate finance en kwam van de Belgische gezondheidsinnovator Home Health Products, waar hij COO was. Daarvoor bekleedde hij verschillende seniorfuncties in financiën, strategie en operations bij Imperial Meat Products, Ontex en PSA HNN. M. Rogiest heeft een masterdiploma toegepaste economische wetenschappen (Universiteit van Gent, België) en financiën (Vlerick Business School, België). Mevr. Charlotte Veys begon haar carrière bij Belysse in 2010. Voordat ze in maart 2022 HR Director werd, bekleedde ze verschillende andere HR-functies bij Belysse Group en was ze Compensation & Benefits manager van de onderneming. Mevr. Veys heeft een masterdiploma in de psychologie (Katholieke Universiteit Leuven, België). M. Jay Brown is een doorgewinterde manager uit de sector, met 33 jaar operationele en verkoopervaring. Hij trad in 2020 in dienst bij Bentley Mills als Vice President of Operations. In mei 2022 nam hij het roer over als President en COO. Voordat hij bij Bentley aankwam, bekleedde hij verschillende leidinggevende functies bij Interface, een wereldleider op het gebied van modulaire vloeren, en bij Multi Packaging Solutions (MPS). M. Brown heeft een Bachelor’s degree in Science (Auburn, VS) en een Juris Doctorate van Faulkner University (VS). Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 129 Commissaris De controle van de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekening van de vennootschap wordt toevertrouwd aan de commissaris aangesteld op de algemene vergadering van aandeelhouders, voor een hernieuwbare termijn van drie jaar. De huidige commissaris is PricewaterhouseCoopers Bedrijfsrevisoren BV, met maatschappelijke zetel te 1831 Machelen, Culliganlaan 5, vertegenwoordigd door de heer Wouter Coppens. Het mandaat van PricewaterhouseCoopers Bedrijfsrevisoren BV verstrijkt op de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering die zal worden gevraagd om de jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2025 goed te keuren. Artikel 3:71 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en artikel 24 van de wet van 7 december 2016 tot organisatie van het beroep van en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren beperken de aansprakelijkheid van commissarissen van beursgenoteerde bedrijven tot € 12 miljoen voor, respectievelijk, taken betreffende de wettelijke controle van jaarrekeningen in de zin van artikel 3:55 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en andere taken die zijn voorbehouden aan commissarissen van beursgenoteerde bedrijven volgens het Belgisch recht of in overeenstemming met het Belgisch recht, behalve inzake aansprakelijkheid die het gevolg is van fraude of een andere bewuste schending van de plicht door de commissaris. In 2024 bedroeg de vergoeding betaald aan de commissaris voor auditwerkzaamheden (inclusief CSRD-attest) 578.500 € en andere attestatieopdrachten (ESEF-attest, diensten in het kader van de halfjaarrapportering) 52.100 €. De vergoeding betaald voor andere opdrachten buiten het auditmandaat bedroeg 22.810 € en 27.480 € voor belastinggerelateerde diensten. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 130 Relevante informatie in geval van een overnamebod Artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van effecten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt, vereist dat beursgenoteerde vennootschappen bepaalde elementen bekendmaken die een impact kunnen hebben in geval van een overnamebod. Kapitaalstructuur Een uitgebreid overzicht van onze kapitaalstructuur per 31 december 2024 i s te vinden in het hoofdstuk ‘Kapitaalstructuur’ van deze Verklaring inzake deugdelijk bestuur. Beperkingen op de overdracht van aandelen De statuten van de vennootschap leggen geen beperkingen op aan de overdracht van aandelen. Bovendien is de vennootschap niet op de hoogte van dergelijke beperkingen opgelegd door de Belgische wetgeving behalve in het kader van de Verordening Marktmisbruik. Houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten Er zijn geen houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten dan de hierna beschreven nominatierechten. De vennootschap heeft geen aandelenplannen voor werknemers opgesteld waarbij de zeggenschapsrechten op de aandelen niet rechtstreeks door de werknemers worden uitgeoefend. Beperking van het stemrecht De statuten van de vennootschap bevatten geen beperkingen op de uitoefening van het stemrecht door de a andeelhouders, mits de betrokken aandeelhouders alle formaliteiten vervullen om tot de algemene vergadering te worden toegelaten. Aandeelhoudersovereenkomsten Belysse is niet op de hoogte van enige aandeelhoudersovereenkomst die de overdracht van zijn aandelen of de uitoefening van stemrechten in verband met zijn aandelen beperkt of zou kunnen beperken. Regels voor de benoeming en vervanging van leden van de Raad Bestuur en voor statutenwijzigingen De duur van het mandaat van bestuurders is volgens de Belgische wetgeving beperkt tot zes jaar (verlengbaar), maarde Corporate Governance Code raadt aan de termijn tot vier jaar te beperken. Volgens de statuten wordt de vennootschap geleid door een Raad van Bestuur die bestaat uit minstens vijf bestuurders. Zij worden benoemd door de aandeelhoudersvergadering voor een maximale termijn van vier jaar die hernieuwbaar is, zoals aanbevolen door de Belgische Corporate Governance Code. Hun mandaat kan te allen tijde door de aandeelhoudersvergadering worden ingetrokken. Indien een van de bestuursmandaten, om welke reden dan ook, vacant wordt kunnen de overblijvende bestuurders tijdelijk in deze vacature voorzien totdat de eerstvolgende aandeelhoudersvergadering een nieuwe bestuurder benoemt. Zolang LSF9 Belysse Holdco S.à r.l. (‘LSF9’) of een daarmee verbonden vennootschap in de zin van artikel 1:20 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen (een ‘daarmee verbonden vennootschap’), rechtstreeks of onrechtstreeks, ten minste 50% bezit van het totale aantal aandelen uitgegeven door de vennootschap – wat het geval was in 2024 – heeft LSF9 het recht om ten minste vijf bestuurders voor te dragen die door de aandeelhoudersvergadering worden benoemd. Zolang LSF9 of een daarmee verbonden vennootschap, rechtstreeks of onrechtstreeks, minder dan 50% maar ten minste 40% bezit van het totale aantal aandelen uitgegeven door de vennootschap, heeft LSF9 het recht om vier bestuurders voor te dragen die door de aandeelhoudersvergadering worden benoemd. Zolang LSF9 of een daarmee verbonden vennootschap, rechtstreeks of onrechtstreeks, minder dan 40% maar ten minste 30% bezit van het totale aantal aandelen uitgegeven door de vennootschap, heeft LSF9 het recht om drie bestuurders voor te dragen die door de aandeelhoudersvergadering worden benoemd. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 131 Zolang LSF9 of een daarmee verbonden vennootschap, rechtstreeks of onrechtstreeks, minder dan 30% maar ten minste 20% bezit van het totale aantal aandelen uitgegeven door de vennootschap, heeft LSF9 het recht om twee bestuurders voor te dragen die door de aandeelhoudersvergadering worden benoemd. Zolang LSF9 of een daarmee verbonden vennootschap, rechtstreeks of onrechtstreeks, minder dan 20% maar ten minste 10% bezit van het totale aantal aandelen uitgegeven door de vennootschap, heeft LSF9 het recht om één bestuurder voor te dragen die door de aandeelhoudersvergadering worden benoemd. Indien het directe of indirecte aandeelhouderschap van LSF9 of een met LSF9 verbonden vennootschap in de vennootschap daalt tot onder één van de hierboven genoemde drempels, zal LSF9 een bij zijn voordracht benoemde bestuurder zijn of haar ontslag als bestuurder doen indienen met ingang van de datum van de eerstvolgende jaarlijkse aandeelhoudersvergadering, bij gebreke waarvan het mandaat van de bestuurder die als laatste werd benoemd op voordracht van LSF9, automatisch eindigt op de datum van de eerstvolgende jaarlijkse aandeelhoudersvergadering. De CEO is verantwoordelijk voor het dagelijkse bestuur van de vennootschap en de vertegenwoordiging van de vennootschap met betrekking tot dit bestuur. De CEO wordt benoemd en kan worden ontslagen door de Raad van Bestuur. Binnen de grenzen van de bevoegdheden die hem/haar door of krachtens de statuten zijn toegekend, kan de CEO bijzondere en beperkte bevoegdheden delegeren aan een Managementcomité of aan enige andere persoon. Behoudens kapitaalverhogingen beslist door de Raad van Bestuur binnen de grenzen van het toegestane kapitaal, is enkel een buitengewone aandeelhoudersvergadering bevoegd tot wijziging van de statuten van de vennootschap. Een algemene vergadering van aandeelhouders is het enige orgaan dat kan beraadslagen over statutenwijzigingen, overeenkomstig de statuten van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 132 Toegestaan kapitaal en inkoop van eigen aandelen Toegestaan kapitaal Volgens artikel 6 van de statuten kan de Raad van Bestuur het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap één of meerdere malen verhogen met een (gecumuleerd) bedrag van maximaal 100% van het bedrag van het maatschappelijk kapitaal. Die machtiging kan worden verlengd overeenkomstig de wettelijke bepalingen ter zake. De Raad van Bestuur kan die bevoegdheid uitoefenen voor een periode van vijf jaar vanaf de datum van bekendmaking in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van de statutenwijziging die werd goedgekeurd door de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders van 22 mei 2024. Alle kapitaalverhogingen waartoe op grond van deze machtiging kan worden besloten, zullen geschieden in overeenstemming met de door de Raad van Bestuur te bepalen modaliteiten en kunnen worden verwezenlijkt (i) door middel van een inbreng in geld of in natura (desgevallend met inbegrip van een beschikbare uitgiftepremie), (ii) door omzetting van reserves, al dan niet beschikbaar voor uitkering, en uitgiftepremies, met of zonder uitgifte van nieuwe aandelen met of zonder stemrecht. De Raad van Bestuur kan deze machtiging ook gebruiken voor de uitgifte van converteerbare obligaties, inschrijvingsrechten of obligaties waaraan inschrijvingsrechten of andere roerende waarden zijn verbonden, of andere effecten. Bij gebruik van zijn machtiging in het kader van het toegestane kapitaal kan de Raad van Bestuur, in het belang van de vennootschap, binnen de perken en overeenkomstig de voorwaarden voorgeschreven door het Wetboek van Vennootschappen, het voorkeurrecht van de aandeelhouders beperken of opheffen. Die beperking of opheffing kan ook gebeuren ten gunste van personeelsleden van de vennootschap of haar dochtervennootschappen of ten gunste van één of meer bepaalde personen, zelfs als zij geen personeelsleden zijn van de vennootschap of haar dochtervennootschappen. De Raad van Bestuur is uitdrukkelijk gemachtigd om over te gaan tot een kapitaalverhoging onder alle vormen, met inbegrip van maar niet beperkt tot een kapitaalverhoging die gepaard gaat met de beperking of de opheffing van het voorkeurrecht, (zelfs na ontvangst door de vennootschap van een kennisgeving door de FSMA) van een overnamebod op de aandelen van de vennootschap. In dat geval moet de kapitaalverhoging evenwel voldoen aan de aanvullende voorwaarden, voorzien in artikel 7:202 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. De aan de raad van bestuur verleende bevoegdheden blijven van kracht gedurende een periode van drie jaar te rekenen vanaf de datum van publicatie in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van de machtiging van de buitengewone vergadering van 22 mei 2024. Deze bevoegdheden kunnen voor een nieuwe periode van drie jaar worden verlengd door een besluit van de aandeelhoudersvergadering, beraadslagen en beslissen in overeenstemming met de toepasselijke regels. De kapitaalverhogingen waartoe besloten werd in het kader van deze machtiging zullen toegerekend worden aan het resterend deel van het toegestane kapitaal waarvan sprake is in de eerste paragraaf. In de loop van 2024 deed de Raad van Bestuur geen beroep op de machtiging tot verhoging van het kapitaal van de Onderneming, zoals vermeld in artikel 6 van de statuten. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 133 Inkoop van eigen aandelen In overeenstemming met artikel 16 van de statuten kan de vennootschap, zonder voorafgaande machtiging van de algemene vergadering, overeenkomstig artikel 7:215 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en binnen de grenzen die deze artikelen voorzien, maximaal 20% van haar eigen aandelen op of buiten een gereglementeerde markt verkrijgen, tegen een eenheidsprijs die de wettelijke vereisten zal naleven, maar alleszins niet meer dan 10% lager zal zijn dan de laagste slotkoers van de laatste dertig beursdagen voorafgaand aan de verrichting en niet meer dan 10% hoger zal zijn dan de hoogste slotkoers van de laatste dertig beursdagen voorafgaand aan de verrichting. Deze machtiging is geldig gedurende vijf jaar vanaf de datum van publicatie in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van de machtiging goedgekeurd door de buitengewone algemene vergadering van 22 mei 2024. Deze machtiging geldt ook voor de verwerving op of buiten een gereglementeerde markt door een rechtstreekse dochtervennootschap zoals bedoeld in en binnen de grenzen van artikel 7:221, eerste lid, van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Als de verwerving gebeurt door de Raad van Bestuur buiten een gereglementeerde markt, zelfs van een dochtervennootschap, moet de Raad van Bestuur artikel 7:215 §1, 4° van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen naleven. De Raad van Bestuur is gemachtigd om – als hij de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen naleeft – voor rekening van de vennootschap, haar eigen aandelen, winstbewijzen of certificaten die daarop betrekking hebben te verkrijgen en te vervreemden voor het geval zulke verkrijging of vervreemding noodzakelijk is ter voorkoming van een ernstig en dreigend nadeel voor de vennootschap. Deze machtiging is geldig gedurende drie jaar vanaf de datum van publicatie in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van de machtiging goedgekeurd door de buitengewone algemene vergadering van 22 mei 2024. Overeenkomstig artikel 7:218 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen is de Raad van Bestuur gemachtigd om te allen tijde en tegen een door hem bepaalde prijs een deel van of alle aandelen van de Vennootschap te vervreemden, op of buiten de beurs of in het kader van zijn vergoedingsbeleid voor de personeelsleden van de Vennootschap. Deze machtiging heeft betrekking op de desinvestering van de aandelen, winstbewijzen of gelijkgestelde certificaten van de vennootschap door een rechtstreekse dochtervennootschap in de zin van artikel 7:221, eerste lid, van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. Bij besluit van de buitengewone algemene vergadering gehouden op 22 mei 2024 en in overeenstemming met artikel 7:218 §1, 4° van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, is de Raad van Bestuur uitdrukkelijk gemachtigd om de aandelen van de vennootschap te vervreemden in het voordeel van personen die niet tot het personeel van de vennootschap behoren. In de loop van 2024 deed de Raad van Bestuur geen beroep op de machtiging om eigen aandelen van de vennootschap te verwerven, zoals vermeld in artikel 16 van de statuten. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 134 Materiële overeenkomsten waarbij Belysse of bepaalde van zijn dochterondernemingen een partij is die bepalingen inzake wijziging van zeggenschap bevat Senior Secured Notes Sinds 31 december 2023 had LSF9 Belysse Issuer S.à r.l. (de ‘Emittent’) een totaalbedrag van € 128.684.663 in hoofdsom (exclusief gekapitaliseerde interesten) van Senior Secured Notes met vervaldatum 2024 (de ‘2024 Notes’), die waren uitgegeven krachtens een indenture op datum van 8 maart 2021, zoals gewijzigd (de ‘Indenture’), en € 1.838.700 in hoofdsom van senior notes met looptijd tot 2030 (de ‘2030 Notes’) die zijn uitgegeven krachtens indenture op datum van3 augustus 2015, zoals gewijzigd. Op 5 februari 2024 herfinancierde de Emittent alle uitstaande 2024 Notes met de opbrengst van een nieuwe € 120 miljoen (equivalent) Term Facility Belysse Investments S.à r.l. (zie verder). De herfinanciering werd gedeeltelijk voltooid door het terugkopen van de 2024 Notes, in bezit van bepaalde obligatiehouders die ongeveer 75% van de totale uitstaande 2024 Notes, aanhielden tegen een prijs die gelijk was aan 86,5% van de nominale waarde, waarbij het resterende bedrag werd afgelost tegen 100% van de nominale waarde via de optionele aflossingsbepalingen van de Indenture. Revolving Credit Facility Op 31 december 2023 had de Emittent een Super Senior Revolving Credit Facility van € 45 miljoen die vervalt in 2024 (de ‘Bestaande RCF’). Op 11 januari 2024 is de directe dochtervennootschap van de Emittent, LSF9 Belysse Investments S.à r.l. een nieuwe super senior revolving credit facility van € 20 miljoen (de ‘Nieuwe RCF’) aangegaan, die de Bestaande RCF, op heden geannuleerde, heeft vervangen. De Nieuwe RCF is beschikbaar gesteld onder de gebruikelijke voorwaarden voor faciliteiten van deze aard, met een looptijd die eindigt op 2 augustus 2027, met de optie om met één jaar te verlengen als de nieuwe Term Facility gelijktijdig wordt verlengd. De Nieuwe RCF bepaalt dat een gehele of gedeeltelijke verplichte vooruitbetaling vereist is bij het zich voordoen van bepaalde omstandigheden (elk een ‘Exit Event’), namelijk of (i) een vervreemding van alle of vrijwel alle activa van LSF9 Belysse Investments S.à r.l. of haar dochterondernemingen of (ii) een wijziging van zeggenschap waarbij (a) bepaalde aandeelhouders die direct of indirect een meerderheid van de totale uitstaande aandelen van LSF9 Belysse Investments S.à r.l. in handen hebben (de ‘Toegelaten Aandeelhouders’) niet langer meer dan 40% van de aandelen van LSF9 Belysse Investments S.à r.l. bezitten, (b) enige persoon meer aandelen in LSF9 Belysse Investments S.à r.l. verwerft dan in totaal worden gehouden door de Toegelaten Aandeelhouders, (c) de Emittent ophoudt alle aandelen van LSF9 Belysse Investments S.à.r.l. rechtstreeks te bezitten (met uitzondering van aandelen die voor een tijdelijke periode worden uitgegeven aan roll-up investeerders) of (d) een verkoop van de bedrijfsactiviteiten van de Vennootschap die worden uitgevoerd in de Verenigde Staten. Gecommitteerde Term Facility Op 7 december 2023 is LSF9 Belysse Investments S.à r.l. een nieuwe termijnfaciliteit aangegaan van € 120 miljoen (equivalent) verstrekt door Blantyre (de ‘Termijnfaciliteit’). De Term Facility is beschikbaar gesteld tegen de gebruikelijke voorwaarden voor faciliteiten van deze aard, geprijsd aan 6,00% p.a. contante betaling en 5,00% p.a. payment-in-kind (‘PIK’) rente (met betrekking tot leningen in EUR) en 7,00% p.a. contante betaling en 5,00% p.a. PIK-rente (met betrekking tot leningen in USD) (in beide gevallen, vaste rente, behalve dat PIK-rente op leningen in EUR en leningen in USD onderworpen is aan een leveragegebaseerde margin ratchet en dus in elk geval kan stijgen met nog eens 2,00% p.a. wanneer bepaalde financiële ratio’s worden overschreden). De PIK-rente wordt gekapitaliseerd aan het einde van elke renteperiode en levert rente op tegen de geldende rentevoet. LSF9 Belysse Investments S.à r.l. kan eenzijdig verzoeken om de looptijd van de Term Facility met één jaar te verlengen. De Term Facility bepaalt dat een verplichte gehele of gedeeltelijke vooruitbetaling vereist is bij het zich voordoen van een Exit Event. Er zijn diverse pandovereenkomsten gesloten, waaronder, maar niet beperkt tot, materiële bankrekeningen van verschillende entiteiten binnen de groep en aandelenpandovereenkomsten met betrekking tot de operationele entiteiten van de groep. Deze pandovereenkomsten zijn verleend ten gunste van de kredietverstrekkers van de Term Facility en de doorlopende RCF. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 135 Als voorwaarde voor de financiering kreeg Blantyre ‘contingent value rights’ (de ‘CVR’) toegekend die gekoppeld zijn aan de waarde van het eigen vermogen van Belysse Group NV, die, bij het optreden van bepaalde gebeurtenissen, de CVR-houder het recht geven op een contante betaling of, naar keuze van Belysse (onder voorbehoud van de goedkeuring van de vereiste aandeelhouders), een uitgifte van aandelen gelijk aan 20% van de waarde van het eigen vermogen van Belysse Group NV boven een totale eigen vermogenswaarde drempel van €41,1 miljoen (de ‘Drempel’). De betalingen onder de CVRs moeten worden gedaan: (i) verplicht in het geval van een verkoop van alle of vrijwel alle activa van, of aandelen in, Belysse Group NV; en (ii) naar keuze van de CVR-houder van de in het geval dat ofwel (a) het aandelenbezit de Toegelaten Aandeelhouders daalt tot 40% of minder; of (b) een andere persoon of in onderling overleg handelende personen meer aandelen in Belysse Group NV verwerven dan de Toegelaten Aandeelhouders (de gebeurtenissen beschreven onder (i) en (ii) hierboven, elk een ‘CVR Control Event’). Naast een CVR Control Event hebben de CVR- houders de mogelijkheid om hun ‘betalingsrechten uit te oefenen vanaf 7 december 2027. De opbrengst van de Term Facility is gebruikt om de herfinanciering van alle uitstaande 2024 Notes te voldoen (zie hierboven). Sale-and-leaseback Op 20 december 2019 sloot de vennootschap een sale-and- leaseback overeenkomst met drie banken. Indien een derde partij controle over de vennootschap verwerft, hebben de banken het recht om de overeenkomst naar eigen goeddunken te beëindigen. Die change of control- clausule werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 26 mei 2020 overeenkomstig artikel 7:151 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen. Op 31 maart 2022 werd deze sale-and-leaseback overeenkomst gesplitst in het kader van een partiële splitsing in het kader van de Desinvestering en bleef ze bij de vennootschap enkel met betrekking tot het de vestiging in Tielt. Factoringovereenkomsten Verscheidene dochtervennootschappen van de Vennootschap sloten afzonderlijke overeenkomsten voor factuurdiscontering met KBC Commercial Finance NV (“KBCCF”) op 1 april 2022, krachtens welke deze dochtervennootschappen de eigendom van al hun huidige en toekomstige handelsvorderingen die onder dergelijke overeenkomsten vallen, overdragen aan KBCCF. Deze overeenkomst is verschillende keren gewijzigd. De laatste wijziging dateert van 1 juni 2024. Volgens de toepasselijke algemene voorwaarden zijn de uitstaande bedragen onmiddellijk verschuldigd in geval van een wijziging in zeggenschap, indien een dergelijke wijziging niet in het belang van de bank zou zijn. De algemene voorwaarden bevatten typische clausules die standaard zijn voor dit soort transacties, met inbegrip van gronden voor beëindiging indien het beoogde transactievolume niet wordt bereikt. Op 31 oktober 2024 sloot Bentley Mills, Inc. (“Bentley Mills”) een factoringovereenkomst met KBC Commercial Finance NV (“KBCCF”) krachtens dewelke Bentley Mills aan KBCCF alle vorderingen verkoopt die voortvloeien uit de verkopen van Bentley Mills in verband met haar activiteiten. Langetermijnincentiveplan 2022 Op 15 juni 2022 heeft de Raad van Bestuur een nieuw langetermijnincentiveplan (het ‘LTIP 2022’) goedgekeurd. De PSU’s ontvangen onder het LTIP 2022 zullen worden toegekend aan relevante managers die nog steeds diensten verlenen aan de Belysse Groep op de derde verjaardag van hun toekenning, voor zover de koers van het aandeel van de vennootschap bepaalde doelstellingen bereikt. De clausule die voorziet in een versnelde toekenning van PSU’s in geval van de afsluiting van een openbaar overnamebod op de vennootschap werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 26 mei 2020, overeenkomstig artikel 7:151 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen. Ontslagvergoeding wegens beëindiging van het contract van bestuurders of werknemers ingevolge een overnamebod De vennootschap heeft met haar bestuurders of werknemers geen enkele overeenkomst gesloten die zou leiden tot de betaling van een specifieke ontslagvergoeding indien, ingevolge een overnamebod, de bestuurders of werknemers ontslag nemen, ontslagen worden of hun arbeidsovereenkomst beëindigd wordt. Zie sectie ‘Bepalingen betreffende individuele ontslagvergoedingen voor leden van het Managementcomité/Bepalingen inzake ontslagvergoedingen’ van deze Corporate Governance Verklaring over ontslagvergoedingen van de leden van het Managementcomité. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 136 Belangenconflicten Belangenconflicten van bestuurders Artikels 7:96 en 7:97 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen voorzien in een bijzondere procedure als een bestuurder van de vennootschap, behalve voor bepaalde vrijgestelde beslissingen of transacties, direct of indirect een persoonlijk vermogensrechtelijk belang heeft dat strijdig is met een beslissing of transactie die behoort tot de bevoegdheden van de Raad van Bestuur. De betrokken bestuurder moet de andere bestuurders, evenals de commissaris, vóór enige beslissing van de Raad van Bestuur op de hoogte brengen. Voor beursgenoteerde vennootschappen mag de bestuurder met het belangenconflict niet deelnemen aan de beraadslaging of stemming over de conflicterende beslissing of transactie. Relevant deel van de notulen van de Raad van Bestuur van 29 februari 2024 Alvorens de beraadslaging startte, deelde M. Cyrille Ragoucy een belangenconflict, zoals gedefinieerd in artikel 7:96 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, mee aangaande volgend punt op de agenda: op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité en onder voorbehoud van goedkeuring door de algemene vergadering van de vennootschap, de goedkeuring van de vergoeding die wordt betaald als compensatie voor de mandaten van M. Cyrile Ragoucy als bestuurder en voorzitter van de Raad van Bestuur van de vennootschap en voor zijn rol als adviseur aan het management, zoals opgenomen in de nieuwe bestuurdersovereenkomst van M. Cyrille Ragoucy. Het belangenconflict ontstaat doordat M. Ragoucy zowel bestuurder van de vennootschap is en tevens zal vergoed worden voor consultancy diensten ten behoeve van de vennootschap. Met inachtneming van artikel 7:96 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, erkent de Raad van Bestuur dat de goedkeuring van de vergoeding die moet worden betaald voor de mandaten van M. Cyrille Ragoucy als bestuurder en voorzitter van de Raad van Bestuur van de vennootschap en voor zijn rol als adviseur van het management, de volgende financiële gevolgen zou hebben voor de vennootschap: een jaarlijkse vergoeding voor de voorzitter van de Raad van Bestuur van 70.000 € bruto, zijnde een pro rata bedrag van 58.333 € bruto in 2024, en een jaarlijkse vergoeding voor de consultancydiensten als adviseur van het management van 130.000 € bruto, zijnde een pro rata bedrag van 108.333 € in 2024. Overeenkomstig artikel 7:96 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen, heeft M. Ragoucy zich onthouden van deelname aan de beraadslagingen en de stemming over de besluiten. De Raad merkt op dat de heer Ragoucy niet heeft deelgenomen aan de beraadslaging en besluitvorming over de goedkeuring. De Raad van Bestuur heeft genoteerd dat M. Ragoucy niet deelnam aan de beraadslagingen en de besluitvorming over de goedkeuring van agendapunten die aanleiding gaven tot het belangenconflict, en dat desondanks aan de vereisten inzake quorum is voldaan. Ondanks het hierboven genoemde belangenconflict heeft elke bestuurder de notulen ondertekend en daarmee alle documenten, gebeurtenissen en transacties die in de notulen worden vermeld, goedgekeurd en bevestigd dat ze in het belang van de Vennootschap zijn. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 137 Naleving van de Belgische Corporate Governance Code 2020 Belysse verbindt zich tot een hoge standaard voor zijn corporate governance en baseert zich ter referentie voor het boekjaar eindigend op 31 december 2024 op de Belgische Corporate Governance Code van 2020. Omdat de Corporate Governance Code gebaseerd is op een ‘pas toe of leg uit’-systeem, neemt de Raad van Bestuur zich voor om de Corporate Governance Code na te leven, met uitzondering van de volgende bepalingen: 1. krachtens de statuten kan de vennootschap aandelen, aandelenopties en andere effecten toekennen die vroeger dan drie jaar na hun toekenning uitoefenbaar worden. De huidige Long Term Incentive Plans (2020 LTIP en 2022 LTIP) omvatten een wachtperiode van drie jaar na de datum van beloning van de PSU’s, met als enige uitzondering een versnelde PSU inbezitstelling in geval van de sluiting van een openbaar overnamebod op de vennootschap. De Raad is van mening dat de inbezitstelling van de Performance Share Units aan de relevante managers die op de derde verjaardag van hun toekenning nog steeds diensten verlenen aan de Belysse Group, een duurzame en langdurige verbintenis van deze managers tot het creëren van aandeelhouderswaarde bevordert die inspeelt op het doel van Principe 7,11 van de Corporate Governance Code; 2. de groep van bestuurders die worden benoemd op voordracht van LSF9 Belysse Holdco S.à r.l. vormen de meerderheid van de bestuurders (5 van de 9) als gevolg van het meerderheidsaandeelhouderschap van dat bedrijf. Deze situatie is specifiek voor de aandeelhoudersstructuur van de vennootschap en is gebaseerd op nominatierechten zoals bepaald in de statuten van de vennootschap. Daar LSF9 Belysse Holdco S.à r.l. het aandeelhouderschap onder bepaalde overeengekomen percentages vermindert, wordt ook het recht om bestuurders te benoemen verminderd (zie hierboven). Het Remuneratie- en Benoemingscomité streeft ernaar om in overleg met LSF9 Belysse Holdco S.à r.l. ervoor te zorgen dat de Raad van Bestuur evenwichtig is en dat niet- uitvoerende bestuurders aanvullende vaardigheden en ervaring hebben; 3. de niet-uitvoerende bestuurders van de Raad van Bestuur worden niet vergoed in aandelen, die worden aangehouden tot één jaar na hun vertrek uit de Raad van Bestuur en ten minste drie jaar na het moment van de toekenning. Hun persoonlijke belangen zijn afgestemd op de langetermijnbelangen van de Onderneming. Ook de niet-uitvoerende onafhankelijke bestuurders worden niet vergoed in aandelen, omdat de vennootschap van oordeel is dat ze in voldoende gericht zijn op het creëren van waarde op lange termijn voor de vennootschap en dat ze op die manier hun onafhankelijke status behouden. Dit zal jaarlijks opnieuw worden bekeken; 4. de leden van het Managementcomité worden niet vergoed in aandelen. Om de persoonlijke belangen van het directiecomité af te stemmen op de belangen van de langetermijnaandeelhouders werden andere mechanismen ingevoerd, nl. LTIP en variabele bezoldiging; 5. de variabele bezoldiging die voor 2024 aan de leden van het Management Comité werd toegekend, was gebaseerd op de financiële doelstellingen van de groep (voor management op groepsniveau: CEO, CFO en HR Director) of financiële doelstellingen voor een divisie (CEO en MD Europe en MD Bentley) en niet op individuele doelstellingen. Dit zal jaarlijks opnieuw worden bekeken; 6. in de contracten met de leden van het directiecomitéworden geen specifieke bepalingen opgenomen over de terugvordering van of de inhouding van de betaling van variabele bezoldiging. De gebruikelijke triggers die zijn opgenomen in terugvorderingsbepalingen, zoals fraude of ernstig wangedrag, kunnen op andere manieren worden aangepakt, zoals ontslag (om dringende reden), terugvordering op basis van burgerlijk recht, uitsluiting van D&O- verzekeringsdekking en andere. Bovendien is het aantal situaties dat aanleiding kan geven tot een terugvordering zeer beperkt, aangezien subsidies voor variabele beloningen gebaseerd zullen zijn op gecontroleerde financiële informatie. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 138 Remuneratieverslag Inleiding Vergoeding van bestuurders Het remuneratieverslag is gestructureerd om op een transparante manier informatie te verschaffen en te voldoen aan de meest recente regels, voorschriften en richtlijnen inzake de (gestandaardiseerde) presentatie van remuneratieverslagen, met inbegrip van de Shareholder Rights Directive en de daarmee verwante Belgian Implementation Act. De vergoeding die in 2024 aan de leden van de Raad van Bestuur en het Managementcomité werd betaald, was in overeenstemming met het remuneratiebeleid van Belysse zoals herzien en goedgekeurd door de aandeelhoudersvergadering van 22 mei 2024. Dit remuneratiebeleid zet de bestaande praktijken voort, maar actualiseert bepaalde principes om de langetermijnbelangen van het bedrijf en de afstemming van alle stakeholders te bevorderen. Tijdens het boekjaar 2024 is Belysse niet afgeweken van de principes in zijn remuneratiebeleid. In overeenstemming met de remuneratieprincipes van de vennootschap zoals beslist door de algemene vergadering van aandeelhouders van 22 mei 2024, kunnen enkel de onafhankelijke en niet-uitvoerende bestuurders van de Raad van Bestuur aanspraak maken op een (vaste) vergoeding voor hun bestuursmandaat. Er werd geen bestuurdersvergoeding betaald aan de bestuurders die werden benoemd op voordracht van LSF 9 Belysse Holdco S.à r.l. De vergoeding van de onafhankelijke leden van de Raad van Bestuur was als volgt in 2024: • Jaarlijkse onafhankelijke bestuurdersvergoeding van € 40.000 bruto; • Extra jaarlijkse vergoeding elk Comité- lidmaatschap (Audit Comité en Remuneratie-en Benoemingscomité) van € 10.000 bruto; • Extra jaarlijkse vergoeding voor de voorzitter van het ESG Comité van € 10.000 bruto De vergoeding van M. Ragoucy als niet-uitvoerend lid van de Raad van Bestuur was als volgt in 2024: • Jaarlijkse vergoeding als voorzitter van de Raad van Bestuur van € 70.000 bruto, zijnde een pro rata bedrag van € 58.333 bruto in 2024, en; • Jaarlijkse vergoeding voor consultancydiensten als een adviseur van het management van € 130.000 bruto, zijnde een pro rata bedrag van € 108.333 in 2024. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 139 Naam / functie Voorzitter schap Adviseur van het management Onafhankelij k bestuurder AC- lidmaats chap RNC- lidmaats chap Voorzitter van het ESG Comité Totaal Cyrille Ragoucy Voorzitter van de Raad van Bestuur € 58.333 € 108.333 - - - - € 166.666 Michael Kolbeck Niet-uitvoerend bestuurder Voorzitter van het Remuneratie- en Benoemingscomité - - - - - - Flora Siegert Niet-uitvoerend bestuurder - - - - - - Accelium BV, veretegnwoordigd door Nicolas Vanden Abeele Onafhankelijk bestuurder - € 40.000 € 10.000 € 10.000 - € 60.000 Vanessa Temple Onafhankelijk bestuurder - € 40.000 € 10.000 - € 10.000 € 60.000 Itzhak Wiesenfeld Onafhankelijk bestuurder - € 40.000 € 10.000 € 50.000 Neal Morar Niet-uitvoerend bestuurder Voorzitter van het Auditcomité - - - - - Hannah Strong Niet-uitvoerend bestuurder - - - - - Patrick Lebreton Niet-uitvoerend bestuurder - - - - - Totaal € 58.333 € 108.333 € 120.000 € 20.000 € 20.000 € 336.666 Er werden geen andere vergoedingen betaald aan de leden van de Raad van Bestuur voor hun bestuursmandaat. Er werd in totaal € 336.666 bruto toegekend. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 140 Vergoeding toegekend aan de CEO en andere leden van het Managementcomité De bezoldiging van de leden van het Managementcomité werd op 29 februari 2024 door de Raad van Bestuur herzien op basis van de aanbevelingen van het Remuneratie- en Benoemingscomité van 28 februari 2024. In overeenstemming met de remuneratieprincipes van de vennootschap zoals beslist door de algemene vergadering van aandeelhouders van 22 mei 2024, omvatte de bezoldiging van de leden van het Managementcomité (i) een vaste jaarlijkse vergoeding, (ii) een variabele jaarlijkse vergoeding (kortetermijnincentiveplan (‘STIP’)), (iii) een langetermijnincentiveplan (‘LTIP’), (iv) pensioenbijdragen, en (v) diverse andere voordelen.. (i) Vaste jaarlijkse vergoeding Voor het boekjaar 2024 ontving de CEO een vaste jaarlijkse vergoeding van € 381.088 (bruto) en ontvingen de andere leden van het Managementcomité een totale vaste jaarlijkse vergoeding van € 718.260 (bruto), inclusief ontslagvergoedingen. (ii) Kortetermijnincentiveplan (‘STIP’) Het kortetermijnincentiveplan beloont de realisatie van belangrijke financiële prestatie-indicatoren met doelstellingen die worden aanbevolen door het Remuneratie- en Benoemingscomité en goedgekeurd door de Raad van Bestuur voor de periode van 1 januari 2024 tot 31 december 2024. Voor de CFO en de HR Director was het STIP voor 2024 gebaseerd op de financiële doelstellingen van de groep: 70% op de Gecorrigeerde EBITDA van de groep en 30% op de cash op kwartaalbasis van de groep. Voor de CEO was het STIP voor 2024 gebaseerd op de financiële doelstellingen van de groep en de divisies: 17,5% op de gecorrigeerde EBITDA van de groep, 52,5% op de gecorrigeerde EBITDA van de divisie en 30% op de cash op kwartaalbasis van de groep. Voor de Managing Director van Bentley was het STIP gebaseerd op financiële doelstellingen van de divisie: 70% op de Gecorrigeerde EBITDA van de divisies en 30% op cash op kwartaalbasis van de divisies. Het Remuneratie- en Benoemingscomité heeft voor elk lid van het Managementcomité de verwezenlijking van de prestatiedoelstellingen voor 2024 geëvalueerd en hun variabele vergoedingscomponent op korte termijn voorgesteld aan de Raad van Bestuur. Het doel van de variabele vergoeding is het creëren van een prestatiegerichte cultuur door middel van een bonus in contanten gekoppeld aan prestaties ten opzichte van gecontracteerde te leveren prestaties, waarbij rekening wordt gehouden met het voorkomen van excessief risico nemen. Het STIP is in de hele organisatie geharmoniseerd. Het is bedoeld om de manager te belonen voor de prestaties van de vennootschap en haar divisies over een periode van één jaar. De variabele vergoeding is niet gespreid over de tijd. In 2024 bedroeg het STIP-objectief 66% van de vaste jaarlijkse vergoeding voor de CEO en, gemiddeld, 40% van de jaarlijkse vaste vergoeding voor de andere leden van het Managementcomité. (iii) Langetermijnincentiveplan (‘LTIP’) In 2018 heeft de Raad van Bestuur beslist om jaarlijkse langetermijnincentiveplannen (‘LTIP’s’) in te voeren om voor afstemming te zorgen tussen het belang van de managers en de aandeelhouders. De LTIP’s bestaan uit Performance Share Units (‘PSU’s’). De PSU’s in het LTIP 2018 zullen worden toegekend aan relevante managers die nog steeds diensten verlenen aan Belyssa Group op de derde verjaardag van hun toekenning en worden omgezet in aandelen, voor zover de koers van het aandeel van de vennootschap bepaalde doelstellingen heeft bereikt met een minimale drempel van € 13,25 per aandeel voor een eventuele omzetting. Het LTIP 2018 werd toegekend aan de toenmalige leden van het Managementcomité. In 2021 werd de drempelwaarde niet bereikt, dus werden er geen PSU’s toegekend. In 2019 werd een gelijkaardig LTIP ontworpen om de prestaties en langetermijngroei van Balta Group te stimuleren door langetermijnincentives toe te kennen aan managers die bijdragen aan dergelijke prestaties en groei, en het was ook bedoeld om de aanwerving en retentie van uitmuntend personeel te vergemakkelijken. De PSU’s ontvangen onder het LTIP 2019 zullen worden toegekend aan relevante managers die nog steeds diensten verlenen aan de groep op de tweede en derde verjaardag van hun toekenning, voor zover de koers van het aandeel van de vennootschap bepaalde doelstellingen heeft bereikt die allemaal beduidend boven de huidige koers van het aandeel liggen. De clausule die voorziet in een versnelde toekenning van PSU’s in geval van de afsluiting van een openbaar overnamebod op de vennootschap werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 28 mei 2019, overeenkomstig artikel 7:151 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen. Het LTIP 2019 werd toegekend aan de CEO en aan de andere leden van het Managementcomité. In 2022 werd de drempelwaarde niet bereikt, dus werden er geen PSU’s toegekend. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 141 Voor dezelfde doeleinden werd ook een LTIP 2020 ingevoerd. De PSU’s ontvangen onder het LTIP 2020 zullen worden toegekend aan relevante managers die nog steeds diensten verlenen aan de Belysse Groep op de derde verjaardag van hun toekenning, voor zover de koers van het aandeel van de vennootschap bepaalde doelstellingen bereikt. De clausule die voorziet in een versnelde toekenning van PSU’s in geval van de afsluiting van een openbaar overnamebod op de vennootschap werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 26 mei 2020, overeenkomstig artikel 7:151 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen. Het LTIP 2020 werd toegekend aan de leden van het Managementcomité, behalve aan de CEO. In 2021 werd er geen LTIP ingevoerd. Voor dezelfde doeleinden als de vorige LTIP’s werd een LTIP 2022 ingevoerd. De PSU’s ontvangen onder het LTIP 2022 zullen worden toegekend aan relevante managers die nog steeds diensten verlenen aan de Belysse Groep op de derde verjaardag van hun toekenning, voor zover de koers van het aandeel van de vennootschap bepaalde doelstellingen bereikt. De clausule die voorziet in een versnelde toekenning van PSU’s in geval van de afsluiting van een openbaar overnamebod op de vennootschap werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 26 mei 2020, overeenkomstig artikel 7:151 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen. Het LTIP 2022 werd toegekend aan de leden van het Managementcomité, behalve aan de CEO. In 2023 en 2024 werd er geen LTIP ingevoerd. (iv) Pensioenbijdragen Leden van het Managementcomité komen in aanmerking voor aansluiting bij een groepsverzekering. (v) Andere voordelen Leden van het Managementcomité komen in aanmerking voor een bedrijfswagen of autovergoeding, maaltijdcheques en vaste onkostenvergoedingen. (vi) Vergoedingen toegekend aan de CEO als lid van het Managementcomité Voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2024 was de totale vergoeding van de CEO als volgt: • Basissalaris (brutobezoldiging): € 381.088 • Variabele bezoldiging (op basis van de prestaties in 2024, uitbetaald in 2025): € 91.698 • Pensioen: nihil • Overige componenten van de vergoeding (bedrijfswagen, tankkaart en smartphone): nihil • Er werden geen PSU’s toegekend in 2024. • (vii) Vergoeding toegekend aan de andere leden van het Managementcomité Voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2024 was de totale vergoeding van de andere leden van het Managementcomité als volgt: • Basissalaris (brutobezoldiging): € 718.260 • Variabele bezoldiging (op basis van de prestaties in 2024, uitbetaald in 2025): € 284.694 • Pensioen: € 9.488 • Overige componenten van de vergoeding (bedrijfswagen, verzekering, maaltijdcheques, vergoeding voor representatiekosten): € 65.886 • Er werden geen PSU’s toegekend in 2024. Belangrijkste voorwaarden van LTIP Informatie betreffende het boekjaar In 2023 en 2024 werd er geen LTIP ingevoerd. Begunstigden Plannen Prestatieperiode Toekenningsdatum Datum van uitoefening PSU toegekend In bezit gestelde aandelen Leden van het Managementcomité 2022 01/07/2022 - 01/07/2025 01/07/2022 01/07/2025 52.205 0 2020 11/09/2020 - 11/08/2023 11/09/2020 11/08/2023 84.500 0 2019 Periode 1: 05/16/2019 - 05/15/2021 Periode 2: 05/16/2019 - 05/15/2022 16/05/2019 Uitoefeningsdatum 1: 05/15/2021 Uitoefeningsdatum 2: 05/15/2022 343.500 0 2018 07/01/2018 - 06/30/2021 07/01/2018 46.666 0 Overzicht vergoedingen Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 142 Naam en functie Vaste jaarlijkse vergoeding STIP LTIP Pensioen Diverse andere voordelen Totale vergoeding % vast en variabel CEO () € 381.088 € 91.698 € 0 € 0 € 0 € 472.786 76% vast 24% variabel Andere leden van het Managementcomité € 718.260 € 284.694 € 0 € 9.488 € 65.886 € 1.078.329 60% vast 40% variabel () tot en met 29 februari 2024: Cyrille Ragoucy, vanaf 1 maart 2024: Andrew James Neuling. Wijzigingen aangebracht aan het remuneratiebeleid sinds het einde van 2024 Er werden geen wijzigingen aangebracht aan het remuneratiebeleid sinds het einde van 2024. Bepalingen betreffende individuele ontslagvergoedingen voor leden van het Managementcomité/ontslagbepalingen In de loop van 2024 werden geen wijzigingen aangebracht aan de volgende ontslagbepalingen voor de genoemde leden van het Managementcomité. Behalve bij beëindiging in bepaalde gevallen van contractbreuk, heeft de CEO recht op een opzeggingstermijn van zes (6) maanden of een opzeggingsvergoeding die gelijk is aan de vaste vergoeding waar hij tijdens die periode van zes maanden recht op zou hebben gehad. Behalve bij beëindiging in bepaalde gevallen van contractbreuk, heeft de CFO recht op een minimale opzeggingstermijn van zes (6) maanden en een opzeggingsvergoeding die gelijk is aan het relevante: gedeelte van dit vaste bedrag bij vroegtijdige beëindiging van de opzeggingstermijn. Mevr. Charlotte Veys heeft recht op de opzeggingstermijn die van toepassing is in overeenstemming met het Belgische arbeidsrecht. De opzeggingstermijn van M. Jay Brown kan worden onderhandeld, met een minimum van twee (2) weken. Vergelijkende informatie over wijziging van verloning en bedrijfsprestaties, en verhouding BJ 2017 (1) BJ 2018 BJ 2019 BJ 2020 BJ 2021 BJ 2022 BJ 2023 BJ 2024 Totale bezoldiging van de leden van de Raad van Bestuur € 124.584 € 216.022 € 162.930 € 154.462 € 170.000 € 160.000 € 160.000 € 336.666 Totale bezoldiging van de CEO € 584.000 € 776.490 € 990.664 € 867.141 € 1.493.472 € 1.596.008 € 521.856 € 472.786 Totale bezoldiging van de leden van het Managementcom ité € 1.708.496 € 1.353.114 € 2.230.675 € 2.536.733 € 3.901.427 € 2.120.537 € 1.185.377 € 1.078.329 Bedrijfsprestaties Gecorrigeerde EBITDA van de groep € 84.381.000 € 72.352.00 € 74.356.000 € 67.990.000 € 87.800.000 € 35.500.000 € 33.700.000 € 42.440.000 Gemiddelde bezoldiging (op basis van voltijdsequivalenten) voor werknemers Werknemers van de vennootschap (2) € 584.000 € 776.490 € 990.664 € 867.141 € 1.493.472 € 1.596.008 € 521.856 € 472.786 (1) Aangezien Belysse Group NV in 2017 werd opgericht, kunnen enkel gegevens vanaf 2017 worden vermeld. (2) Slechts één persoon hee een arbeidsovereenkomst met Belysse Group NV. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 143 Terugvorderingsbepaling met betrekking tot de leden van het Managmentcomité Er zijn geen terugvorderingsbepalingen. Er zijn geen specifieke bepalingen over de terugvordering of inhouding van de betaling van variabele vergoedingen opgenomen in de contracten met leden van het Managementcomité. De gebruikelijke trigger-events die zijn opgenomen in terugvorderingsbepalingen, zoals fraude, grove nalatigheid of opzettelijk wangedrag, kunnen op een andere manier worden aangepakt, zoals door ontslag (om dwingende reden), terugvordering van gelden op basis van burgerlijk recht, uitsluiting van D&O-verzekeringsdekking en andere. Bovendien is het aantal situaties dat aanleiding kan geven tot een terugvordering zeer beperkt, aangezien de toekenning van variabele vergoedingen wordt gebaseerd op de gecontroleerde jaarrekening. Naleving van het remuneratiebeleid, langetermijndoelstellingen en duurzaamheid De bezoldiging is afgestemd op de huidige marktpraktijk en streeft naar een marktmediane positie voor het totale salarispakket. De bezoldiging en het bezoldigingssysteem belonen individuele prestaties. De variabele vergoeding op korte termijn stimuleert acties en resultaten in overeenstemming met de jaarlijkse bedrijfsdoelstellingen. De betrokkenheid op lange termijn bij de vennootschap wordt gestimuleerd via een op aandelen gebaseerd langetermijnincentiveplan dat rekening houdt met de aandelenprestaties van de vennootschap. Belysse’s bezoldiging beloont zijn werknemers op een eerlijke en gepaste manier, ongeacht geslacht, nationaliteit of geloofsovertuiging, en zal uitsluitend gebaseerd zijn op functie en prestaties. Afwijkingen van het remuneratiebeleid Er waren geen afwijkingen in 2024. In 2024 was de verhouding tussen het hoogst bezoldigde kaderlid en de minst bezoldigde werknemer (op basis van voltijdsequivalenten) binnen de vennootschap 1. Informatie over de stemming van aandeelhouders De algemene vergadering van aandeelhouders van 22 mei 2024 keurde het remuneratieverslag voor het boekjaar 2023 goed met een meerderheid van 94%. Corporate Governance 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 144 Risicobeheer en intern controlesysteem Inleiding Belysse hanteert een risicobeheer- en controlesysteem in overeenstemming met het Belgische Wetboek van Vennootschappen en de Corporate Governance Code Belysse wordt in het kader van zijn bedrijfsvoering en activiteiten blootgesteld aan uiteenlopende risico’s, die de realisatie van de doelstellingen van de vennootschap kunnen bedreigen of in de weg staan. Het beheersen van dergelijke risico’s is een kerntaak van de Raad van Bestuur, het Managementcomité en alle andere medewerkers met leidinggevende verantwoordelijkheden. Ons risicobeheer- en controlesysteem is ontwikkeld om de volgende doelstellingen te bereiken: de bedrijfsdoelen van Belysse realiseren, operationele uitmuntendheid bereiken, zorgen voor correcte en tijdige financiële rapportering en alle toepasselijke wetten en richtlijnen naleven. Controleomgeving De controleomgeving vormt de basis van ons risicobeheer- en controlesysteem. De controleomgeving wordt bepaald door een mix van formele en informele regels en een bedrijfscultuur waarop de bedrijfsvoering steunt. Drie lijnen van verdediging Belysse past het model van de ‘drie lijnen van verdediging’ toe om rollen en verantwoordelijkheden te verduidelijken en de communicatie op het gebied van risico en controle te verbeteren: • Eerste lijn van verdediging: het lijnmanagement is de eerste instantie die verantwoordelijk is voor de voortdurende beoordeling van nieuwe risico’s en de uitvoering van controles in reactie op die risico’s. • Tweede lijn van verdediging: toezichtfuncties zoals Finance, Controlling, Safety Health Environment and Quality, Compliance en Legal houden toezicht op het risicobeheer zoals dat door de eerste lijn van verdediging wordt uitgevoerd. Degenen die de tweede verdedigingslinie vormen, geven sturing en richting en gaan na of de eerste lijn van verdediging goed is opgezet, op haar plaats zit en werkt zoals bedoeld. • Derde lijn van verdediging externe auditors, toezichthouders en andere externe organen bevinden zich buiten de organisatiestructuur, maar spelen een belangrijke rol in de algemene bestuurs- en controlestructuur van de organisatie. Wanneer ze effectief worden gecoördineerd, kunnen externe auditors, regelgevers en andere groepen buiten de organisatie worden beschouwd als extra verdedigingslijnen die zekerheid bieden aan de aandeelhouders van de organisatie, met inbegrip van het bestuur en het senior management. Er is geen interne audit (director) aangezien de huidige controleomgeving geacht wordt voldoende beveiliging te bieden op het vlak van risico en controle. Beleidslijnen, procedures en processen Onze bedrijfscultuur berust op een breed en robuust beleidskader met verschillende regels, richtlijnen, procedures en praktijken, o.a.: het beleid voor de bestrijding van fraude, corruptie en witwaspraktijken; het beleid inzake geschenken en entertainment; het beleid inzake reis- en onkostenvergoedingen; het beleid inzake nietcontrolediensten; het beleid inzake voorbehouden zaken; het antitrustbeleid; het economisch sanctiebeleid; het beleid inzake delegatie van bevoegdheden; het uitgebreide beleid voor gegevensbescherming en -privacy (AVG, inclusief nieuwe beleidsregels voor externe partners en nieuwe medewerkers); het klokkenluidersbeleid; en onze kwaliteitsmanagementsystemen. Zowel de Raad van Bestuur als het Managementcomité ondersteunen die beleidsregels en de bijbehorende acties ten volle. Medewerkers worden regelmatig geïnformeerd en getraind over deze onderwerpen teneinde een afdoend risicomanagement te hebben, alsook controle op alle niveaus en in alle geledingen van de organisatie. Belysse is een bedrijf met een open cultuur, dat ernaar streeft de hoogste bedrijfsethiek na te leven. Aangezien onethisch gedrag in de meeste organisaties kan voorkomen, is een open bedrijfscultuur niet altijd voldoende om dergelijk onethisch gedrag te elimineren. Daarom heeft Belysse in 2020 een ‘peak-up’-procedure, -beleid en -tool geïmplementeerd. We hebben het bewustzijn voor alle medewerkers van Belysse verder verspreid in de daaropvolgende jaren. Gevallen die in de Whistleblowing-tool worden gemeld, worden anoniem behandeld door een speciaal onderzoeksteam. Algemene en discrete rapportering over klokkenluiderszaken wordt verstrekt aan het Auditcomité. ERP-systeem van de groep Zowel Belysse Europe als Belysse Bentley hebben een centraal beheerd ERP-platform, dat de rollen en verantwoordelijkheden op divisieniveau omvat. Deze systemen zorgen voor gestandaardiseerde stromen, belangrijke interne controles, en worden regelmatig onderworpen aan testen uitgevoerd door de afdeling Corporate Finance. Het systeem zorgt ook voor een gedetailleerde opvolging van onze activiteiten en een rechtstreekse centrale toegang tot gegevens. Sinds 2023 wordt het ERP-platform van Belysse Europe l gehost in twee extern gecertificeerde datacenters, beiden geaccrediteerd met ISO9001 en ISO27001. Renumeraebeleid 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 145 Controleactiviteiten Er zijn controlemaatregelen genomen om de gevolgen van de risico’s te beperken zodat Belysse haar doelstellingen kan realiseren. Deze controleactiviteiten zijn opgenomen in de belangrijkste processen en systemen van Belysse om ervoor te zorgen dat de risicoresponsen en de algemene doelstellingen van Belysse worden uitgevoerd zoals ontworpen. De controleactiviteiten worden in de hele organisatie uitgevoerd op alle niveaus en binnen alle afdelingen. De volgende controlemaatregelen zijn genomen bij Belysse Europa: een cascaderegeling voor autorisatie in het computersysteem, toegang- en monitoringsystemen in de gebouwen, betalingsmachtigingen, telling van inventarissen, inventarisatie van machines en uitrusting, dagelijkse controle van de kaspositie en een intern rapporteringssysteem waarmee zowel financiële gegevens als operationele gegevens op regelmatige basis worden gerapporteerd. Afwijkingen van budgetten en voorgaande referteperiodes worden zorgvuldig geanalyseerd en toegelicht. Sinds 2023 zijn een reeks aanvullende beveiligingsmaatregelen, waaronder MFA, ZTNA-technologie en netwerksegmentatie met firewalls, in voege om de beveiliging van alle gegevens die in computersystemen zijn opgeslagen te garanderen. Informatie en communicatie Belysse erkent het belang van tijdige, volledige en correcte uitwisseling van informatie, zowel top-down als bottom-up. De Groep communiceert daarom operationele en financiële informatie zowel op divisie- als op groepsniveau. Het algemeen principe is te zorgen voor een consistente en tijdige communicatie aan alle belanghebbenden over alle informatie die van invloed is op hun verantwoordelijkheidsgebied. Alle belangrijke bedrijfsprocessen worden beheerd via het ERP-systeem van elke divisie. Dat biedt niet alleen uitgebreide functionaliteit op het gebied van interne rapportering en communicatie, maar ook de mogelijkheid om toegangsrechten en autorisatiebeheer centraal te regelen en te controleren. Verdere acties werden ondernomen om de veiligheid en toegankelijkheid van de rapporteringstools die door de divisie Belysse Europa worden gebruikt, te waarborgen. Het Managementcomité bespreekt ook maandelijks de bereikte financiële resultaten. Het departement Corporate Finance stuurt het informatie- en communicatieproces aan. Zowel voor de interne als voor de externe rapportering en communicatie is een financiële kalender opgesteld met alle rapporteringsdata, die aan alle betrokken partijen wordt meegedeeld. Risicobeheer Deugdelijk risicobeheer begint bij het identificeren en beoordelen van de risico’s die verbonden zijn aan de vennootschap, om deze risico’s te minimaliseren zodat de organisatie haar doelstellingen kan bereiken en waarde kan creëren voor haar belanghebbenden. Alle medewerkers van Belysse zijn verantwoordelijk voor het tijdig identificeren en kwalitatief beoordelen van de risico’s binnen hun verantwoordelijkheidsgebied. Belysse heeft haar belangrijkste bedrijfsrisico’s geïdentificeerd en geanalyseerd. Daarvoor wordt verwezen naar het hoofdstuk ‘Samenvatting van belangrijkste risico’s’ van dit jaarverslag. Risicobeheer en interne controle met betrekking tot financiële rapportering De correcte en consistente toepassing van de boekhoudregels in de vennootschap wordt gewaarborgd door middel van procedures en richtlijnen voor financiën en boekhouding. De boekhoudteams zijn verantwoordelijk voor het produceren van de boekhoudcijfers, terwijl de controleteams de validiteit van de gegevens controleren. Die controles omvatten consistentietoetsen, waarbij de huidige cijfers worden vergeleken met historische en budgetcijfers, alsook steekproeven van transacties op basis van hun materialiteit. Er zijn specifieke interne controles met betrekking tot de financiële rapportering uitgevoerd, waaronder het gebruik van een periodieke afsluitings- en rapporteringschecklist. Die checklist zorgt voor een duidelijke communicatie van tijdslijnen, de volledigheid van taken en de duidelijke toewijzing van verantwoordelijkheden. Uniforme rapportering van financiële informatie in de hele organisatie zorgt voor een consistente informatiestroom, waardoor potentiële onregelmatigheden snel kunnen worden gedetecteerd. Het ERP-systeem en de managementinformatietools van elke Afdeling geven het centrale controleteam onmiddellijk toegang tot gesplitste financiële en niet- financiële informatie. In overleg met de Raad van Bestuur en het Managementcomité wordt een externe financiële kalender voorzien. Deze kalender wordt bekendgemaakt aan externe stakeholders via de sectie Investeerders van onze bedrijfswebsite. Het doel van die externe financiële rapportering is de belanghebbenden van Belysse de informatie te verschaffen die nodig is voor het nemen van solide zakelijke beslissingen. Het toezicht en de controle worden voornamelijk uitgeoefend door de Raad van Bestuur via het Auditcomité en het Managementcomité. Interne audit rapporteert ook aan het Auditcomité over het risicogebaseerde auditplan. Risicogebaseerde auditing richt zich op de analyse en het beheer van de bedrijfs-, operationele en strategische risico’s. Het doel is om de Raad van Bestuur en het Auditcomité de zekerheid te geven dat de risicomanagementprocessen doeltreffend en adequaat worden beheerd met betrekking tot de risicobereidheid. Bovendien brengt de commissaris in het kader van de controle van de jaarrekening verslag uit aan het Auditcomité over zijn beoordeling van de interne controles en de risicobeheersystemen. Daarbij richt de commissaris zich op de organisatie en doeltreffendheid van de interne controlesystemen die relevant zijn voor het opstellen van de jaarrekening. Renumeraebeleid 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 146 Bereik De Raad van Bestuur heeft het remuneratiebeleid opgesteld in overeenstemming met artikel 7:89/1 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (het ‘WVV’) en de Belgische Corporate Governance Code 2020 (de ‘Corporate Governance Code’). Het bepaalt de remuneratieprincipes ten aanzien van de leden van de Raad van Bestuur en het Managementcomité. Op voorstel van het Remuneratie- en Benoemingscomité heeft de Raad van Bestuur op 18 april 2024 het remuneratiebeleid goedgekeurd. Het bijgewerkte beleid werd goedgekeurd op de aandeelhoudersvergadering van 22 mei 2024. Het remuneratiebeleid is van toepassing binnen Belysse vanaf 1 januari 2024 en vervangt het vroegere remuneratiebeleid, dat werd goedgekeurd op de aandeelhoudersvergadering van 26 mei 2021. De bezoldiging van de leden van de Raad van Bestuur en het Managementcomité zal worden betaald in overeenstemming met het remuneratiebeleid. Bij een materiële wijziging van het beleid, en in ieder geval ten minste om de vier (4) jaar, legt de Raad van Bestuur een (herzien en door het Remuneratie- en Benoemingscomité voorgesteld) remuneratiebeleid voor aan de aandeelhoudersvergadering. Niet-materiële wijzigingen aan het beleid zullen worden doorgevoerd zonder dat daarvoor de goedkeuring van de aandeelhouders is vereist. Belysse’s visie op bezoldiging De remuneratiefilosofie van Belysse beoogt alle werknemers eerlijk en correct te vergoeden voor hun bijdrage. Het algemene remuneratiebeleid en de bezoldigingspraktijken worden beheerst door de volgende principes: • De bezoldiging moet in lijn worden gebracht met de huidige marktpraktijken en streven naareen marktmediane positionering van het totale salarispakket. • De bezoldiging moet individuele prestaties belonen. • De variabele verloning op korte termijn moet acties en resultaten stimuleren die in lijn zijn met de jaarlijkse bedrijfsdoelstellingen. • De betrokkenheid op lange termijn bij de onderneming wordt gestimuleerd via een op aandelen gebaseerd lange termijn incentiveplan dat rekening houdt met de aandelenprestaties van de vennootschap. • Belysse zal haar werknemers eerlijk en gepast belonen, ongeacht geslacht, nationaliteit en geloofsovertuiging. Dit zal uitsluitend gebaseerd zijn op functie en prestaties. Het algemene remuneratiebeleid en de bezoldigingspraktijken van Belysse worden regelmatig geëvalueerd en geactualiseerd, teneinde de duurzaamheid van de vennootschap en de succesvolle uitvoering van haar strategie te bevorderen, en zo waarde te blijven creëren voor alle belanghebbenden, waaronder klanten, aandeelhouders en werknemers. Renumeraebeleid 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 147 Leden van de Raad van Bestuur Besluitvormingsproces en maatregelen om belangenconflicten te vermijden of te beheren. De aandeelhoudersvergadering bepaalt de bezoldiging van de leden van de Raad van Bestuur op voorstel van de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur keurt haar voorstel goed op voorstel van het Remuneratie- en Benoemingscomité. Bij het bepalen van de bezoldiging van niet-uitvoerende bestuurders wordt rekening gehouden met hun rol als gewoon lid van de Raad van Bestuur en hun specifieke rol als voorzitter van de Raad van Bestuur, voorzitter of lid van comités van de Raad van Bestuur, alsook met de daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheden en inzet voor de ontwikkeling van de vennootschap. Het remuneratiesysteem is erop gericht personen aan te trekken en te behouden die over de nodige ervaring en competenties beschikken voor die rol. De aandeelhoudersvergadering is als enige bevoegd voor de bezoldiging van de leden van de Raad van Bestuur. Die exclusieve bevoegdheid garandeert dat er op dit gebied geen belangenconflicten bestaan. Om de onafhankelijkheid van de Raad van Bestuur in zijn toezichthoudende functie op het Managementcomité te verzekeren en om kortetermijnuitkeringen te vermijden die de langetermijnvisie van Belysse in gevaar brengen, hebben niet-uitvoerende bestuurders geen recht op prestatiegebonden bezoldiging, zoals bonussen, aandelengerelateerde langetermijnincentiveprogramma’s, voordelen in natura of pensioenvoordelen. Remuneratiecomponenten Sinds de goedkeuring door de aandeelhoudersvergadering bestaat de bezoldiging toegekend aan de niet-uitvoerende bestuurders uit de volgende vaste elementen: • Bestuurdersvergoeding voor niet-uitvoerende bestuurders • Bijkomende vergoeding voor lidmaatschap van het comité (per comité) • Extra vergoeding voor de voorzitter van de Raad van Bestuur Deze worden maandelijks betaald. Het bedrag van de bezoldiging wordt bepaald op basis van de marktpraktijk. Om de twee jaar worden salarisenquêtes gehouden om ervoor te zorgen dat de beloningsniveaus in overeenstemming zijn met de marktpraktijken. De bezoldiging van de leden van de Raad van Bestuur kan om de twee jaar worden herzien. De onafhankelijke bestuurders ontvangen geen variabele bezoldiging, aandelen, aandelenopties of andere rechten om aandelen te verwerven (of andere op aandelen gebaseerde bezoldigingen), noch andere bonussen of voordelen. Benoeming, ontslag en evaluatie van de bestuurders De bestuurders hebben een zelfstandig statuut en worden benoemd door de aandeelhoudersvergadering voor een periode van maximaal vier jaar (overeenkomstig de bepalingen van de statuten van de vennootschap en het WVV). De aandeelhoudersvergadering kan een bestuurder ontslaan zonder opzeggingstermijn of opzeggingsvergoeding, zonder opgave van redenen, en bij meerderheid van stemmen. Het staat de aandeelhoudersvergadering evenwel vrij om bij ontslag een opzeggingstermijn of opzeggingsvergoeding toe te kennen. Aan het einde van het mandaat van elke bestuurder beoordeelt het Remuneratie- en Benoemingscomité ook zijn/haar aanwezigheid op de vergaderingen van de Raad van Bestuur of van de comités, zijn/haar inzet en zijn/haar constructieve betrokkenheid bij de besprekingen en de besluitvorming. Het Remuneratie- en Benoemingscomité houdt rekening met die evaluatie bij het formuleren van zijn aanbevelingen inzake (her)benoemingen en bezoldiging aan de Raad van Bestuur. Renumeraebeleid 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 148 Leden van het Managementcomité Belsuitvormingsproces en maatregelen om belangenconflicten te vermijden of te beheren. De Raad van Bestuur bepaalt de bezoldiging van de leden van het Managementcomité op voorstel van het Remuneratie- en Benoemingscomité. Het Remuneratie- en Benoemingscomité (bijgestaan door gespecialiseerde personeelsleden) bepaalt de voorstellen met betrekking tot de bezoldiging van de CEO en de andere leden van het Managementcomité, rekening houdend met de geldende wetgeving, de Corporate Governance Code, het profiel van het individu in termen van competenties en beroepservaring, en de courante marktpraktijken en-tendensen. Bij het vaststellen van de remuneratieniveaus wordt rekening gehouden met passende marktreferenties en - benchmarks, zodat de nadruk ligt op beloning naar prestaties. Die aanpak helpt topmanagers aan te trekken, te engageren, te behouden en te motiveren, en zorgt er tegelijk voor dat hun gedrag in overeenstemming blijft met onze waarden en strategie. Op basis van het advies van het Remuneratie- en Benoemingscomité bepaalt de Raad van Bestuur de bezoldiging die aan de CEO en de andere leden van het Managementcomité wordt toegekend. De Raad van Bestuur zal de vergoedingen op geregelde tijdstippen evalueren. Het bedrag in kwestie is opgesplitst in een vaste component en prestatie-gerelateerde componenten. De CEO neemt niet deel aan de beraadslagingen en de stemming binnen de Raad van Bestuur over zijn eigen bezoldiging. De CEO en de HR Director zijn geen lid van het Remuneratie- en Benoemingscomité, maar worden uitgenodigd om de vergaderingen bij te wonen, tenzij de besprekingen binnen het Remuneratie- en Benoemingscomité betrekking hebben op hun eigen bezoldiging. We verwijzen hier ook naar de belangenconflictregeling van artikel 7:96 van het WVV. De CEO voert een jaarlijkse evaluatie uit van de prestaties van elk lid van het Managementcomité en bespreekt de resultaten met het Remuneratie- en Benoemingscomité, dat zal rapporteren aan de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur komt ook jaarlijks bijeen in een niet- uitvoerende sessie (d.w.z. zonder aanwezigheid van de CEO) om de prestaties van de CEO te bespreken en te evalueren. Remuneratiecomponenten De bezoldiging die kan worden toegekend aan de leden van het Managementcomité bestaat uit de volgende elementen: • Vaste bezoldiging • Korte termijn variabele bezoldiging • Eenmalige bonussen • Lange termijn incentiveplan • Andere voordelen Vaste bezoldiging De vaste bezoldiging bestaat uit een vaste jaarlijkse vergoeding in contanten, die onafhankelijk van de resultaten van Belysse wordt toegekend. De vaste jaarlijkse vergoeding wordt bepaald op basis van verschillende criteria, zoals de marktwaarde van de functie, de reikwijdte van de functie en het profiel van de bekleder in termen van vaardigheden en beroepservaring. Het doel van de gegarandeerde vaste vergoeding is de manager te compenseren voor tijd en competenties tegen een marktconform tarief. Belysse streeft ernaar haar managers te betalen tegen de mediaan van de markt. Om een correcte benchmark te kunnen uitvoeren, laat het Remuneratie- en Benoemingscomité minstens om de twee jaar een salarisstudie uitvoeren door een extern bedrijf. De salarissen worden elk jaar geëvalueerd. Alle managers komen in aanmerking voor verhogingen op basis van hun prestaties en hun positie op de markt, maar hebben daar niet automatisch recht op. Renumeraebeleid 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 149 Korte termijn variabele bezoldiging De korte termijn variabele bezoldiging bestaat uit een korte termijn incentiveplan (‘STIP’), betaald in contanten. Het doel van het STIP is het creëren van een prestatiegerichte cultuur door middel van een bonus in contanten gekoppeld aan jaarlijkse prestatiedoelstellingen, waarbij rekening wordt gehouden met het voorkomen van excessief risico nemen. Het STIP is in de hele organisatie geharmoniseerd. Het is bedoeld om de manager te belonen voor de prestaties van de vennootschap en haar divisies over een periode van één jaar. Het STIP beloont de realisatie van financiële KPI’s ten opzichte van doelstellingen die door de Raad van Bestuur zijn vastgelegd op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité. Die targets zijn uitsluitend gebaseerd op de realisatie van financiële doelstellingen voor de groep of de divisie. Voor de leden van het Managementcomité zijn de doelstellingen gebaseerd op drie financiële indicatoren, afgestemd op de jaarlijkse doelstellingen. Het kan gaan om prestatie-indicatoren op groepsniveau of op divisieniveau. Die KPI’s worden op voorstel van het Renumeratiecomité eenmaal per jaar goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Die financiële KPI’s creëren een nauw verband tussen de belangen van de leden van het Managementcomité enerzijds en de vennootschap en haar aandeelhouders anderzijds. De erkenning van concrete prestaties, zowel op groeps- als op divisieniveau, draagt bij tot het langetermijnbelang en de duurzaamheid van de vennootschap en tot de succesvolle verwezenlijking van haar strategie. De prestaties ten opzichte van de doelstellingen (en de daaruit voortvloeiende uitbetalingen) worden jaarlijks beoordeeld door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité, daarin bijgestaan door de controlling en finance-afdeling. Het jaarlijkse potentieel van het STIP voor de leden van het Managementcomité bedraagt tot 70% van hun respectieve vaste jaarlijkse vergoeding, met een minimum van 0% in het geval van onderpresteren en een maximum van 170% in het geval van overpresteren. Voor de CEO kan het jaarlijkse potentieel van het STIP bij het behalen van de doelstellingen oplopen tot 100% van zijn jaarlijkse vaste vergoeding, met een minimum van 0% in het geval van onderpresteren en een maximum van 200% in het geval van overpresteren. Eenmalige bonussen De Raad van Bestuur kan, in uitzonderlijke of specifieke omstandigheden en op aanbeveling van het Remuneratie en Benoemingscomité, eenmalige bonussen toekennen aan één of meerdere leden van het Managementcomité voor bijzondere prestaties. De eenmalige bonussen kunnen tot 100% van de jaarlijkse vaste vergoeding van het betrokken lid van het Managementcomité bedragen. Renumeraebeleid 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 150 Lange termijn incentiveplan Het Lange termijn incentiveplan (‘LTIP’) bestaat uit een vergoeding in Performance Share Units (‘PSU’s’). De PSU’s worden toegekend aan relevante leden van het Managementcomité die nog steeds diensten verlenen aan de vennootschap op de derde verjaardag van hun toekenning en worden omgezet in aandelen voor zover de koers van het aandeel van de vennootschap bepaalde doelstellingen bereikt met een zekere minimumdrempel. De ontvangen aandelen zijn niet onderworpen aan enige lock-up-overeenkomsten. Zoals goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 16 juni 2017 in overeenstemming met artikel 7:151 van het WVV, wordt de toekenning van de PSU’s versneld in het geval van een wijziging van de zeggenschap of de afsluiting van een openbaar overnamebod op de vennootschap. Het LTIP heeft tot doel om de belangen van de managers en de aandeelhouders op één lijn te brengen. Het is ook bedoeld om de aanwerving en het behoud van personeel met uitmuntende capaciteiten te vergemakkelijken. Op die manier draagt het LTIP bij tot de bedrijfsstrategie en de lange termijn belangen van de vennootschap. Op basis van een jaarlijkse voorlegging komen de leden van het Managementcomité in aanmerking voor (maar hebben ze niet automatisch recht op) een toekenning van PSU’s onder het LTIP. Op voorstel van het Remuneratie- en Benoemingscomité beslist de Raad van Bestuur over de voorwaarden en modaliteiten van het LTIP en keurt de Raad de lijst van begunstigden goed. De Raad van Bestuur zal, op voorstel van het Remuneratiecomité, eenmaal per jaar de drempelprijs, de accelerator en de verwervingsdatum goedkeuren. De waarde van de PSU’s die in het kader van het LTIP worden toegekend aan de leden van het Managementcomité, kan op het ogenblik van de toekenning tot 100% van de jaarlijkse vaste vergoeding van het betrokken lid bedragen. Andere voordelen De leden van het Managementcomité kunnen nog andere voordelen genieten, zoals de aansluiting bij een groepsverzekering, een bedrijfswagen, een tankkaart, een smartphone, maaltijdcheques en representatievergoedingen. Die voordelen worden regelmatig gebenchmarkt en aangepast aan de lokale standaardpraktijken. De groepsverzekering omvat een bepaalde bijdrage in het pensioenplan, een gegarandeerde inkomensverzekering en een levensverzekering. De andere voordelen kunnen tot 10% van de jaarlijkse vaste vergoeding van het betrokken lid van het Managementcomité bedragen. Contractuele regelingen met de leden van het Managementcomité De rechten en verplichtingen in verband met de functie van CEO zijn geformaliseerd in een managementovereenkomst van onbepaalde duur. Behalve bij beëindiging in bepaalde gevallen van contractbreuk, heeft de CEO recht op een opzeggingstermijn van zes (6) maanden (of een opzeggingsvergoeding die gelijk is aan het deel van de vaste vergoeding waarop hij recht zou hebben tijdens de opzeggingstermijn). De leden van het Managementcomité werken voor de vennootschap op basis van een arbeids- of managementovereenkomst van onbepaalde duur. Behalve bij beëindiging in bepaalde gevallen van contractbreuk, en behalve de uitzonderingen in het Hoofdstuk ‘Bepalingen betreffende individuele ontslagvergoedingen voor leden van het Managementcomité/Ontslagbepalingen’ hebben ze recht op een opzeggingstermijn van zes (6) maanden (of op een opzeggingsvergoeding gelijk aan het deel van de vaste vergoeding waarop ze recht zouden hebben tijdens de opzeggingstermijn). Afwijkingen van het remuneratiebeleid Belysse zal de bezoldiging van de leden van de Raad van Bestuur en het Managementcomité uitsluitend betalen in overeenstemming met het remuneratiebeleid. De Raad van Bestuur kan echter, in uitzonderlijke omstandigheden en op voorstel van het Remuneratieen Benoemingscomité, tijdelijk afwijken van het remuneratiebeleid. Uitzonderlijke omstandigheden hebben enkel betrekking op situaties waarin de afwijking van het remuneratiebeleid noodzakelijk is om de lange termijn belangen en de duurzaamheid van Belysse in zijn geheel te dienen of om zijn leefbaarheid te verzekeren. Afwijkingen zijn toegestaan ten aanzien van alle elementen van het remuneratiebeleid. Bij besluiten over afwijkingen van het remuneratiebeleid dient de Raad van Bestuur zich te houden aan de hierboven beschreven besluitvormingsprocedure. De Raad van Bestuur zal eventuele afwijkingen toelichten in het remuneratieverslag van het betrokken boekjaar. Geen significante wijzigingen in het huidige beleid Dit remuneratiebeleid werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 22 mei 2024 en heeft als doel de bezoldigingspraktijken te integreren in een formeel remuneratiebeleid in overeenstemming met de vereisten van artikel 7:89/1 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Samenvang van de belangrijkste risico’s 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 151 Belysse beschouwt risicobeheer als een inherent onderdeel van haar bedrijfsvoering. De onderstaande samenvatting biedt, hoewel ze niet volledig is, een overzicht van de belangrijkste risico’s die we hebben kunnen vaststellen. Ook al nemen wij beperkende maatregelen, toch kunnen we niet garanderen dat dergelijke risico’s zich niet zullen voordoen . Marktconcurrentie De wereldwijde markt van vloerbekleding is competitief en elk van onze divisies ondervindt concurrentie van andere producenten van zachte vloerbekleding en van alternatieven voor harde vloerbekleding. Voor onze concurrentiepositie is het cruciaal dat wij snel veranderende klantenbehoeften kunnen identificeren en erop inspelen. Daarom moeten we onze designs en productmix continu vernieuwen en blijven innoveren. In de afgelopen jaren hebben een aantal vloerbekledingsbedrijven aangekondigd (een deel van) hun Europese activiteiten te sluiten of te reorganiseren in gevolge gestegen grondstof-, arbeids- en energiekosten. Klantafhankelijkheid Onze klantafhankelijkheid is sinds de transactie aanzienlijk verminderd. In 2024 waren onze top drie klanten goed voor ongeveer 10% van onze omzet. Algemene macro-economische en geopolitieke gebeurtenissen & handelsregelingen De vraag naar onze producten is sterk afhankelijk van het consumentenvertrouwen, de economische omgeving en factoren die invloed hebben op de residentiële en commerciële markten voor renovatie en bouw. Met productie- en distributiefaciliteiten in België en de Verenigde Staten en verkoopactiviteiten in meer dan 100 landen zijn we blootgesteld aan geopolitieke risico’s aan zowel de vraag- als de aanbodzijde. Het directe effect van hogere rentevoeten is beperkt omdat we meestal worden gefinancierd met een vaste rentevoet, zoals hierboven uitgelegd. Wetgeving en compliance Het niet naleven van de wetgeving van de landen waar we actief zijn, kan leiden tot een vertraging of tijdelijke opschorting van onze verkoops- en operationele activiteiten, wat een impact kan hebben op onze financiële situatie. Onvoldoende preventiemaatregelen of bewustzijn op het vlak van de bescherming van vertrouwelijke gegevens kunnen in onze zeer competitieve markt leiden tot concurrentienadelen, verlies van bedrijfsinformatie en reputatieschade. Publiciteit en reputatie We kunnen worden getroffen door terugroepingen van producten of claims voor productaansprakelijkheid of anderszins blootgesteld worden aan negatieve publiciteit. Medewerkers We kunnen onze strategie alleen succesvol uitvoeren als we erin slagen medewerkers aan te trekken, te behouden en verder te ontwikkelen. Als de relatie met onze medewerkers of vakbonden slechter zou worden, zou dit een nadelige impact kunnen hebben op onze activiteiten. Grondstoffen, supplychain en leveranciersrisico We gebruiken grote hoeveelheden grondstoffen waarvoor we afhankelijk zijn van een beperkt aantal leveranciers. De meeste van onze leveranciers zijn grote ondernemingen die daardoor veel macht kunnen uitoefenen. Wij hebben met onze belangrijkste leveranciers langdurige relaties opgebouwd. In de loop van 2024 hebben we de uitbreiding van ons netwerk van grondstoffenleveranciers verdergezet. In 2024 vertegenwoordigden de grondstoffenkosten ongeveer 40% van onze omzet. Onze belangrijkste grondstoffen waren polypropyleen, (ingekochte afgewerkte goederen), polyester en polyamide garens, latex en polyamide. Samen waren ze goed voor ongeveer 75% van onze totale grondstoffen uitgaven. De prijzen voor grondstoffen zijn volatiel en hangen af van factoren die vaak buiten onze controle liggen, waaronder, maar niet beperkt tot, het lokale evenwicht tussen vraag en aanbod, algemene economische omstandigheden (bv. geopolitieke situatie) en schommelende grondstofprijzen. De meeste van onze commerciële regelingen met onze klanten voorzien niet in prijsaanpassingsmechanismen voor de verrekening van hogere grondstoffenprijzen. Verwezen wordt naar het grondstoffenprijsrisico, zoals beschreven in Toelichting 26 ‘Financieel risicomanagement’ van de jaarrekening. Samenvang van de belangrijkste risico’s 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 152 Productie en logistiek Om nieuwe klanten aan te trekken en bestaande klanten te behouden is het belangrijk dat we onze producten tijdig kunnen produceren en leveren. In onze productie- en distributiefaciliteiten kunnen ontregelingen optreden die kunnen leiden tot tijdelijke productieonderbrekingen, late of onvolledige leveringen of hogere verkoopkosten. Bovendien kunnen we verliezen lijden die volledig of gedeeltelijk onverzekerd zijn. We bezitten geen eigen transportinfrastructuur en zijn afhankelijk van externe dienstverleners om onze producten tijdig te leveren bij onze klanten. IT Aangezien ons IT-platform de ruggengraat vormt voor onze activiteiten (waaronder verkoop, klantenservice, logistiek en administratie), zou een storing ons vermogen om orders op tijd te verwerken kunnen affecteren. Sinds het loskoppelingsproces van Balta Victoria hebben we onze kritieke IT-applicaties versterkt met een architectuur met hoge beschikbaarheid, compleet met automatische failover-mogelijkheden. Service Level Agreements garanderen een maximale uitvalperiode van 8 uur, waardoor onze operationele continuïteit tijdens onvoorziene gebeurtenissen gewaarborgd is. Bedrijven hebben ook te maken met toenemende cybercriminaliteit. Belysse blijft zich richten op bewustmakingstraining en heeft in 2023 aanzienlijke investeringen gedaan in veilige netwerken en verdedigingsmechanismen tegen cyberaanvallen, welke in 2024 werden verdergezet. Financieel Ons bedrijf is blootgesteld aan diverse financiële risico’s, waaronder, maar niet beperkt tot, het wisselkoersrisico, het intrestrisico, het kredietrisico en het liquiditeitsrisico. Een deel van onze verkopen en aankopen worden gefactureerd in andere valuta’s dan de euro. De belangrijkste valuta’s zijn de Britse pond en de Amerikaanse dollar. De schommelingen van deze valuta’s tegenover de euro kunnen invloed hebben op onze resultaten. Daarnaast kan de devaluatie van valuta’s ten opzichte van de euro in landen waar onze concurrenten grondstoffen produceren of inkopen, zoals Turkije of Egypte, een impact hebben op ons concurrentievermogen. Sommige van onze externe schulden hebben een variabele rente. Niet alle kredietrisico’s tegenover onze klanten zijn gedekt door onze externe kredietverzekeringen. Een verlaging van de externe kredietlimieten zou er onder meer toe kunnen leiden dat de bestaande factoring in de toekomst niet meer beschikbaar is op de bestaande niveaus. Veranderingen in onze eigen kredietbeoordeling kunnen een negatief effect hebben op ons werkkapitaal en onze liquiditeit. Onze financiële contracten met externe partijen omvatten verplichtingen, beperkingen en convenanten die een nadelige impact kunnen hebben op onze activiteiten, financiële situatie en operationele resultaten mochten we niet in staat zijn deze na te leven. We verwijzen voor meer informatie naar Toelichting 26 van de sectie ‘Financieel risicomanagement’ in de jaarrekening. Samenvang van de belangrijkste risico’s 03 Corporate Governance Jaarverslag Belysse 2024 153 Veranderingen in de belastingwetgeving of boekhoudregels zouden een impact kunnen hebben op de toekomstige resultaten Veranderingen in aannames die ten grondslag liggen aan de boekwaarde van onze activa kunnen leiden tot een waardevermindering van die activa, inclusief immateriële activa zoals goodwill. Op 7 december 2023 is LSF9 Belysse Investments S.à r.l. de Termijnfaciliteit aangegaan. De opbrengsten van de Termijnfaciliteit zijn gebruikt om de herfinanciering van alle uitstaande 2024 Notes te voltooien (zie hierboven). Op 31 december 2023 had de Emittent een Super Senior Revolving Credit Facility van € 45 miljoen met vervaldatum in 2024 (de ‘Bestaande RCF’). Op 11 januari 2024 heeft de directe dochtervennootschap van de Emittent, LSF9 Belysse Investments S.à r.l., een nieuwe super-senior revolving credit facility van € 20 miljoen afgesloten, die de nu geannuleerde Bestaande RCF heeft vervangen De uitstaande senior schulden van de Groep bestaan nu uit uit de nieuwe termijnfaciliteit, een € 20 miljoen super-senior revolving credit facility en de € 1,8 miljoen senior notes met looptijd tot 2030. De voltooiing van de herfinanciering van de senior secured notes verbeterde het looptijdprofiel van de schulden van Belysse en zal Belysse in staat stellen haar strategie verder uit te voeren. We verwijzen naar de risicofactoren beschreven in Toelichting 26 van de sectie ‘Financieel risicomanagement’ van de jaarrekening. BEYOND-programma Ons transformatieprogramma ‘BEYOND’ werd in 2022 gelanceerd. Dit programma is speciaal ontwikkeld om onze resultaten te verbeteren over een periode van vier jaar. De belangrijkste initiatieven focussen op duurzaamheid door middel van innovatieve producten en productieprocessen, een incrementele verbetering van de efficiëntie door Leanstrategieën en flexibiliteit door digitale en operationele vebeteringsinitiatieven. Terwijl onze BEYOND-initiatieven essentieel zijn om onze marktpositie te versterken en onze marges te verbeteren, bestaat de kans dat we vertraging oplopen met, of niet kunnen beantwoorden aan, onze verwachtingen betreffende de resultaatverbeteringen. Duurzaamheid De verwachtingen van klanten op het vlak van de levering van duurzame producten zijn steeds veeleisender en houden steeds meer uitdagingen in. Het risico niet te beantwoorden aan nieuwe technologische duurzaamheidsvereisten en het mislopen van marktontwikkelingen kan leiden tot concurrentienadelen alsook tot een aanzienlijk verlies van marktaandeel. Wanneer we er niet in slagen duurzaamheid te integreren als onderdeel van de strategie van de Groep kan dit een impact hebben op ons toekomstig concurrentievermogen, op de waardecreatie op lange termijn en op het voortbestaan van de Groep. In 2023 werd het ESG-comité opgericht om dit risico aan te pakken. ESG prioriteiten zijn vastgelegd in het ESG charter van het ESG-comité en zullen nauwlettend worden opgevolgd. Met de CSRD-richtlijn zet de Europese Unie ESG hoger op de agenda van het bedrijfsleven. De CSRD-richtlijn werd eind 2024 omgezet in Belgisch recht. Belysse zal in 2025 aan deze wetgeving moeten voldoen en over boekjaar 2024 op een CSRD-conforme manier moeten rapporteren. De dubbele materialiteitsbeoordeling werd uitgevoerd in 2023 en bijgewerkt in 2024 om volledig in overeenstemming te zijn met de CSRD-vereisten, en het mandaat van onze commissaris werd uitgebreid en toegevoegd aan de aanstelling, voor een periode van 1 jaar tot na de algemene vergadering die de jaarrekening per 31 december 2024 goedkeurt, van de beperkte assurance- opdracht inzake de geconsolideerde duurzaamheidsverslaggeving voor boekjaar 2024. De wereldwijde opwarming of het effect van de klimaatverandering heeft geleid tot nieuwe belangrijke klimaatgerelateerde risico’s (fysieke en transitierisico’s, mobiliteit en transport, exploitatie van grondstoffen, enz.) die een aanzienlijke impact kunnen hebben op onze reputatie, op onze toegang tot financiering, op de kostprijs om de nieuwe reguleringen na te leven, op de rentabiliteit van onze activiteiten en op onze veerkracht op lange termijn. Een belangrijke trend die in het afgelopen jaar werd waargenomen is de toegenomen vraag naar koolstofarme grondstoffen, die tot minder beschikbaarheid en scherpe prijsstijgingen heeft geleid. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 155 1. Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode eindigend op 31 december Voor het jaar eindigend op 31 december (In duizend €) Toelichting 2024 2023 I. GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING Omzet Toelichting 4 280.381 300.918 Kostprijs grondstoffen (109.418) (124.174) Voorraadwijzigingen Toelichting 15 (424) (11.018) Personeelskosten Toelichting 6 (76.532) (76.021) Overige inkomsten Toelichting 7 891 929 Overige kosten Toelichting 7 (52.459) (56.956) Afschrijvingen / waardeverminderingen Toelichting 8 (19.582) (19.890) Gecorrigeerd bedrijfsresultaat 1 22.857 13.788 Integratie- en herstructureringskosten Toelichting 9 133 (3.069) Bedrijfswinst / (-verlies) 22.990 10.718 Financiële opbrengsten Toelichting 10 14.199 367 Financiële kosten Toelichting 10 (24.288) (18.795) Netto financiële kosten (10.089) (18.428) Winst / (verlies) vóór belastingen 12.901 (7.710) Belastingopbrengsten / (-uitgaven) Toelichting 11 (2.328) (3.386) Winst / (verlies) over de periode 10.573 (11.095) Toerekenbaar aan: Houders van eigenvermogensinstrumenten 10.573 (11.095) Minderheidsbelangen - - II. GECONSOLIDEERDE NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN Posten in niet-gerealiseerde resultaten die later kunnen worden geherclassificeerd naar de resultatenrekening Wisselkoersverschillen bij het omzetten van buitenlandse activiteiten 7.556 (4.529) Posten in niet-gerealiseerde resultaten die niet zullen worden geherclassificeerd naar de resultatenrekening Wijzigingen in uitgestelde belastingen 123 (40) Wijzigingen in provisies van toegezegde pensioenregelingen (478) (13) Niet-gerealiseerde resultaten over de periode, na aftrek van belastingen 7.201 (4.583) Totaal (niet-)gerealiseerde resultaten over de periode 17.774 (15.678) Gewone en verwaterde winst per aandeel uit voortgezette bedrijfsactiviteiten toerekenbaar aan houders van gewone aandelen Toelichting 34 0,29 (0,31) 1 Gecorrigeerde bedrijfswinst / bedrijfswinst / (verlies) zijn non-GAAP-maatstaven zoals gedefinieerd in Toelichting 1.25. De Toelichtingen vormen een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 156 2. Geconsolideerde balans per 31 december Voor het jaar eindigend op 31 december (In duizend €) Toelichting 2024 2023 Materiële vaste activa 99.615 100.795 Waarvan activa met gebruiksrechten onder IFRS 16 (exclusief sale-and- leaseback) 22.557 23.533 Terreinen en gebouwen Toelichting 13 42.170 44.963 Installaties, machines en uitrusting Toelichting 13 51.825 49.742 Overige materiële vaste activa Toelichting 13 5.620 6.090 Goodwill Toelichting 5 107.668 103.046 Immateriële vaste activa Toelichting 12 4.698 5.212 Uitgestelde belastingvorderingen Toelichting 14 1.372 426 Handels- en overige vorderingen Toelichting 16 624 586 Totaal vaste activa 213.978 210.066 Voorraden Toelichting 15 49.608 52.257 Handels- en overige vorderingen Toelichting 16 17.503 28.377 Belastingvorderingen op korte termijn 585 1.045 Liquide middelen Toelichting 17 38.605 35.812 Totaal vlottende activa 106.301 117.491 Totaal activa 320.279 327.557 Maatschappelijk kapitaal Toelichting 18 252.950 252.950 Uitgiftepremie Toelichting 18 65.660 65.660 Overige niet-gerealiseerde resultaten Toelichting 19 8.485 1.283 Overgedragen resultaten Toelichting 20 (191.717) (202.298) Overige reserves (39.876) (39.876) Totaal eigen vermogen 95.502 77.720 Senior Secured Notes Toelichting 22 1.839 1.839 Term Facility Toelichting 21 124.319 - Bank- en overige leningen Toelichting 23 30.353 34.778 Waarvan lease verplichtingen onder IFRS 16-lease (exclusief sale-and- leaseback) Toelichting 24 18.888 20.375 Uitgestelde belastingschulden Toelichting 14 3.842 5.814 Voorzieningen voor overige verplichtingen en kosten Toelichting 30 2.689 2.229 Verplichtingen uit hoofde van personeelsbeloningen Toelichting 28 631 159 Afgeleide financiële instrumenten Toelichting 21 1.547 - Totaal schulden op lange termijn 165.220 44.818 Senior Secured Notes Toelichting 22 17 135.203 Term Facility Toelichting 21 503 - Bank- en overige leningen Toelichting 23 9.439 8.875 Waarvan IFRS 16 lease verplichtingen (exclusief sale-and-leaseback) Toelichting 24 7.685 6.757 Andere wedde-, salaris- en sociaal gerelateerde schulden Toelichting 29 14.415 14.444 Handels- en overige schulden Toelichting 31 35.087 46.462 Belastingschulden 97 36 Totaal schulden op korte termijn 59.557 205.019 Totaal verplichtingen 224.778 249.837 Totaal passiva 320.279 327.557 De Toelichtingen vormen een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 157 3. Geconsolideerd kasstroomoverzicht voor de periode afgesloten op 31 december Voor het jaar eindigend op 31 december (In duizend €) Toelichting 2024 2023 I. KASSTROMEN VAN BEDRIJFSACTIVITEITEN Winst / (-verlies) voor de periode 10.573 (11.095) Aanpassingen voor: Belastingkosten / (-opbrengsten) Toelichting 11 2.328 3.386 Financiële opbrengsten Toelichting 10 (14.199) (367) Financiële kosten Toelichting 10 24.288 18.795 Afschrijvingen / waardeverminderingen Toelichting 8 19.582 19.890 (Winst) / verlies op verkoop van vaste activa (119) - Bewegingen in provisies 645 (1.999) Kosten opgenomen voor in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingstransacties 8 6 Gegenereerde kasstroom vóór wijzigingen in werkkapitaal 43.106 28.615 Wijzigingen in werkkapitaal: Voorraden Toelichting 15 3.733 24.459 Handelsvorderingen Toelichting 16 6.312 979 Handelsschulden Toelichting 31 (7.887) (9.124) Overig werkkapitaal (302) (8.476) Gegenereerde kasstroom na wijzigingen in werkkapitaal 44.962 36.452 Netto belastingen (betaald) (4.830) (5.400) Nettokasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten 40.132 31.053 II. KASSTROMEN VAN INVESTERINGSACTIVITEITEN Aankopen van materiële vaste activa Toelichting 13 (9.286) (10.458) Aankopen van immateriële vaste activa Toelichting 12 (915) (1.332) Nettokasstromen gebruikt voor investeringsactiviteiten (10.200) (11.790) III. KASSTROMEN VAN FINANCIERINGSACTIVITEITEN Rente en andere financieringskosten betaald, netto (21.630) (13.565) Opbrengsten van leningen met derden Toelichting 22 120.000 - Terugbetalingen van Senior Secured Notes Toelichting 22 (118.624) - Terugbetalingen van leningen met derden Toelichting 23 (8.517) (7.892) Nettokasmiddelen gegenereerd / (gebruikt) door financieringsactiviteiten (28.770) (21.457) NETTOTOENAME / (-AFNAME) VAN LIQUIDE MIDDELEN EN BANKTEGOEDEN 1.162 (2.195) Liquide middelen en banktegoeden aan het begin van de periode 35.812 38.488 Wisselkoers winst / (-verlies) op liquide middelen 1.631 (482) Liquide middelen en banktegoeden aan het einde van de periode Toelichting 17 38.605 35.812 De Toelichtingen vormen een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 158 4. Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen voor het boekjaar afgesloten op 31 december (In duizend €) Maatschappelijk kapitaal Uitgifte- premie Niet- gerealiseerde resultaten Overgedragen resultaten Overige reserves 1 Totaal eigen vermogen Balans op 31 december 2022 252.950 65.660 5.866 (191.208) (39.876) 93.392 Winst / (verlies) over de periode - - - (11.095) - (11.095) Overige niet-gerealiseerde resultaten Wisselkoersverschillen bij het omzetten van buitenlandse activiteiten - - (4.529) - - (4.529) Cumulatieve wijzigingen in uitgestelde belastingen - - (40) - - (40) Cumulatieve wijzigingen in toegezegde pensioenregelingen - - (13) - - (13) Totaal niet-gerealiseerde resultaten over de periode - - (4.583) - - (4.583) Totaal niet-gerealiseerde resultaten over de periode - - (4.583) (11.095) - (15.678) In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingenstransacties - - - 6 - 6 Balans op 31 december 2023 252.950 65.660 1.283 (202.298) (39.876) 77.720 1 Overige reserves werd aangemaakt als gevolg van bepaalde transacties voorafgaand aan de beursintroductie. Zie het jaarverslag van 2017 voor meer informatie De Toelichtingen vormen een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 159 (In duizend €) Maatschappelijk kapitaal Uitgifte- premie Niet- gerealiseerde resultaten Overgedragen resultaten Overige reserves 1 Totaal eigen vermogen Balans op 31 december 2023 252.950 65.660 1.283 (202.298) (39.876) 77.720 Winst / (verlies) over de periode - - - 10.573 - 10.573 Overige niet-gerealiseerde resultaten Wisselkoersverschillen bij het omzetten van buitenlandse activiteiten - - 7.556 - - 7.556 Cumulatieve wijzigingen in uitgestelde belastingen - - 123 - - 123 Cumulatieve wijzigingen in toegezegde pensioenverplichtingen - - (478) - - (478) Totaal niet-gerealiseerde resultaten over de periode - - 7.201 - - 7.201 Totaal niet-gerealiseerde resultaten over de periode - - 7.201 10.573 - 17.774 In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingstransacties - - - 8 - 8 Balans op 31 december 2024 252.950 65.660 8.485 (191.717) (39.876) 95.502 1 Overige reserves werd aangemaakt als gevolg van bepaalde transacties voorafgaand aan de beursintroductie. Zie het jaarverslag van 2017 voor meer informatie De Toelichtingen vormen een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 160 5. Toelichtingen bij de Geconsolideerde Jaarrekening Toelichting 1. Boekhoudkundige principes Hierna worden de belangrijkste boekhoudprincipes voor financiële verslaggeving beschreven die werden toegepast bij het opstellen van deze geconsolideerde jaarrekening. Deze principes werden consistent toegepast op het voorgestelde jaar, tenzij anders vermeld. Toelichting 1.1. Basisprincipes Basisprincipes Deze Geconsolideerde Jaarrekening van Belysse Group NV (‘de Vennootschap’), geregistreerd op Franklin Rooseveltlaan 172-174, 8790 Waregem, België (ondernemingsnummer 0671.974.626) en haar dochterondernemingen (‘Belysse Group’ of ‘de Groep’) werd opgesteld overeenkomstig de Internationale Financiële Rapporteringsstandaarden (‘IFRS’), zoals aangenomen door de Europese Unie. Deze omvatten alle IFRS-normen en IFRIC-interpretaties die zijn uitgevaardigd en van kracht waren op 31 december 2024. De Groep werd voorheen Balta Group NV genoemd, geregistreerd aan de Wakkensteenweg 2, 8710 Sint-Baafs-Vijve, België (ondernemingsnummer 0671.974.626), maar werd in oktober 2022 hernoemd tot Belysse Group NV. De Belysse Group NV is gevestigd in België onder de juridische vorm van een Naamloze Vennootschap ('NV'). België was ook het land van oprichting. Bovendien is België de hoofdzetel van de Groep. Belysse produceert duurzame textiel vloerbekleding voor commerciële en residentiële toepassingen en commercialiseert zijn producten voor 90% in Noord-Amerika en Europa onder de premiummerken Bentley (VS), modulyss, Arc Edition en ITC (Europa). Belysse heeft ongeveer 1.000 mensen in dienst en heeft drie productievestigingen in België (Tielt en Zele) en de Verenigde Staten (Los Angeles). Sinds juni 2017 staat Belysse Group genoteerd op Euronext Brussel en is de meerderheid in handen van LSF9 Belysse Holdco S.à r.l. Op 4 april 2022 kondigde Belysse Group NV de voltooiing aan van de verkoop van haar activiteiten inzake karpetten (Rugs), residentieel polypropyleen (PP) en non-woven (“de Stopgezette bedrijfsactiviteiten”), samen met het Balta- merk, aan Victoria PLC (“de Transactie” of “de Desinvestering”). De Geconsolideerde Jaarrekening van Belysse Group NV en haar dochterondernemingen (gezamenlijk de Groep) voor het jaar eindigend op 31 december 2024 werd goedgekeurd voor publicatie in overeenstemming met een besluit van de bestuurders op 17 april 2025. De Geconsolideerde Jaarrekening van de Vennootschap over de periode van 1 januari 2024 tot 31 december 2024 omvat de Vennootschap en haar dochterondernemingen (samen ‘de Groep’ en individueel ‘entiteiten van de Groep’ genoemd). Deze geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in euro, zijnde de presentatievaluta van de Groep en de functionele valuta van de Vennootschap. Alle bedragen in deze geconsolideerde jaarrekening zijn uitgedrukt in duizenden euro’s, tenzij anders vermeld. Bij de berekening van bepaalde financiële informatie die in deze jaarrekening is opgenomen, zijn afrondingsaanpassingen gemaakt. Deze jaarrekening is opgesteld conform het continuïteitsbeginsel, wat betekent dat de werkzaamheden zich zullen voortzetten in de nabije toekomst, die op zijn minste 12 maanden bedraagt. Elke gebeurtenis en/of transactie die van wezenlijk belang is om inzicht te kunnen verwerven in de veranderingen sinds 31 december 2023 werd toegevoegd aan deze toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening. Bij het opmaken van de jaarrekening in overeenstemming met de IFRS moet een beroep worden gedaan op bepaalde essentiële ramingen. Tevens dient het management zich een oordeel te vormen bij de toepassing van de boekhoudkundige beleidsregels van de Groep. De gebieden die een hogere mate van oordeelsvorming of complexiteit met zich meebrengen, of de gebieden waar veronderstellingen en schattingen van wezenlijk belang zijn voor de geconsolideerde jaarrekening, worden verder uitgewerkt in Toelichting 2. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 161 Invloed van nieuwe normen en wijzigingen van normen De volgende nieuwe normen, wijzigingen en interpretaties van normen zijn uitgevaardigd. De Groep neemt zich voor deze normen en interpretaties, indien van toepassing, toe te passen wanneer deze van kracht en verplicht worden en geacht worden significant te zijn. De volgende nieuwe normen en wijzigingen aan de normen zijn voor het eerst verplicht voor het boekjaar dat aanvangt op 1 januari 2024 en zijn goedgekeurd door de Europese Unie: • Wijzigingen aan IAS 1, 'Presentatie van de jaarrekening: Classificatie van verplichtingen als kortlopend of langlopend' (van kracht per 1 januari 2024). Deze betreffen enkel de presentatie van verplichtingen in de balans, niet het bedrag of de timing bij erkenning van een actief, verplichting, inkomst of kost noch de toelichtingsvereisten voor andere elementen van de jaarrekening. Ze: » Verduidelijken dat de classificatie van verplichtingen als kortlopend of langlopend moet worden gebaseerd op bestaande rechten aan het einde van de verslagperiode en de formulering in alle betrokken paragrafen moet worden aangepast om te verwijzen naar het ‘recht’ om de afwikkeling uit te stellen met ten minste twaalf maanden; en dat alleen bestaande rechten aan het einde van de verslagperiode de classificatie van een verplichting beïnvloeden; » Verduidelijken dat de classificatie niet wordt beïnvloed door verwachtingen over de vraag of een entiteit haar recht zal uitoefenen om de afwikkeling van een verplichting uit te stellen; en dat afwikkeling verwijst naar de overdracht aan de tegenpartij van contanten, eigenvermogensinstrumenten, andere activa of diensten. » Verduidelijken hoe de voorwaarden waaraan een entiteit moet voldoen binnen 12 maanden na de verslagperiode, zoals convenanten, van invloed zijn op de classificatie van de overeenkomstige verplichting. • Wijzigingen aan IFRS 16 'Leaseovereenkomsten: Leaseverplichting in een sale-en-lease-back' (van kracht per 1 januari 2024). De wijzigingen verklaren hoe een entiteit een 'sale-en-lease-back' administratief verwerkt na de datum van de transactie, met name wanneer sommige of alle leasebetalingen variabele leasebetalingen zijn die niet afhankelijk zijn van een index of rentevoet. Zij stellen dat de verkoper- leasenemer bij de latere waardering van de leaseverplichting 'leasebetalingen' en 'herziene leasebetalingen' bepaalt op een wijze die niet tot gevolg heeft dat de verkoper-leasenemer enig bedrag van de winst of het verlies opneemt dat verband houdt met het gebruiksrecht dat hij behoudt. Eventuele winsten en verliezen met betrekking tot de volledige of gedeeltelijke beëindiging van een lease- overeenkomst blijven opgenomen wanneer ze zich voordoen, aangezien ze betrekking hebben op het gebruiksrecht dat is beëindigd en niet op het behouden gebruiksrecht. Deze wijzigingen zijn niet van toepassing op de Belysse Group. De volgende wijzigingen aan normen werden gepubliceerd, maar zijn niet voor het eerst verplicht van toepassing voor het boekjaar dat aanvangt op 1 januari 2024 en zijn goedgekeurd door de Europese Unie: • Wijzigingen aan IAS 21, 'De gevolgen van wisselkoerswijzigingen: Gebrek aan inwisselbaarheid' (van kracht per 1 januari 2025). IAS 21 behandelde voorheen niet hoe wisselkoersen moeten worden bepaald in het geval dat er langdurig geen inwisselbaarheid is en de door de vennootschap toe te passen contante koers niet waarneembaar is. De wijzigingen met een beperkt toepassingsgebied voegen onderstaande specifieke eisen toe: » Bepalen wanneer een valuta inwisselbaar is in een andere valuta en wanneer niet; » De wisselkoers bepalen die moet worden toegepast indien een valuta niet inwisselbaar is; » Aanvullende informatieverschaffing wanneer een valuta niet inwisselbaar is. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 162 De volgende normen en wijzigingen aan normen werden gepubliceerd, maar zijn niet voor het eerst verplicht van toepassing voor het boekjaar dat aanvangt op 1 januari 2024 en zijn nog niet goedgekeurd door de EU: • Wijzigingen aan IFRS 9 en IFRS 7: Classificatie en waardering van financiële instrumenten (van kracht per 1 januari 2026). Op 30 mei 2024 heeft de IASB wijzigingen gepubliceerd aan IFRS 9 en IFRS 7 om: » De datum van de opname en uitboeking van sommige financiële activa en verplichtingen te verduidelijken, met een nieuwe uitzondering voor via een elektronisch betaalsysteem vereffende financiële verplichtingen; » De beoordeling of een financieel actief voldoet aan het criterium van uitsluitend betalingen van hoofdsom en rente (SPPI) te verduidelijken; » Nieuwe toelichtingen toe te voegen voor bepaalde instrumenten met contractuele voorwaarden die de kasstromen kunnen wijzigen (zoals sommige instrumenten met kenmerken die gekoppeld zijn aan het behalen van milieu-, sociale en governance (ESG) doelen); en » De toelichtingen bij aandelen instrumenten die worden aangewezen tegen reële waarde via het overige totaalresultaat (FVOCI) bij te werken. • IFRS 18 Presentatie en informatieverschaffing in de jaarrekening (van kracht per 1 januari 2027). De IASB heeft IFRS 18 gepubliceerd, de nieuwe norm voor de presentatie en informatieverschaffing in de jaarrekening, met een focus op updates in de winst- en verliesrekening. De belangrijkste nieuwe concepten die IFRS 18 invoert, hebben betrekking op: » De structuur van de resultatenrekening; » Verplichte toelichtingen in de jaarrekening voor bepaalde prestatie-indicatoren van winst en verlies die buiten de financiële overzichten van een entiteit worden gerapporteerd (dat wil zeggen, door het management gedefinieerde prestatie- indicatoren); en » Verbeterde principes voor aggregatie en disaggregatie die van toepassing zijn op de primaire financiële overzichten en toelichtingen in het algemeen. IFRS 18 zal IAS 1 vervangen; veel van de andere principes in IAS 1 worden behouden, met beperkte wijzigingen. IFRS 18 zal geen invloed hebben op de erkenning of waardering van posten in de jaarrekening, maar het kan wel veranderen wat een entiteit rapporteerd als haar ‘operationele winst of verlies’. IFRS 18 zal van toepassing zijn op de verslagperiodes beginnend op of na 1 januari 2027 en ook op de vergelijkende informatie. De wijzigingen in de presentatie en informatieverschaffing die IFRS 18 vereist, kunnen systeem- en proceswijzigingen noodzakelijk maken. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 163 Toelichting 1.2. Consolidatie Dochterondernemingen Dochterondernemingen zijn alle entiteiten waarvoor de Groep blootgesteld is aan of rechten heeft op variabele inkomsten die het gevolg zijn van haar betrokkenheid bij een entiteit en het vermogen heeft om deze inkomsten te bestemmen als gevolg van haar zeggenschap over de entiteit. Het bestaan en het effect van potentiële stemrechten die momenteel uitoefenbaar of converteerbaar zijn, worden in aanmerking genomen bij het beoordelen of de Groep zeggenschap uitoefent over een andere entiteit. Dochterondernemingen worden volledig geconsolideerd vanaf de datum waarop de zeggenschap overdragen wordt aan de Groep. De consolidatie wordt ongedaan gemaakt vanaf de datum waarop de zeggenschap ophoudt te bestaan. De Groep past de acquisitiemethode toe om bedrijfscombinaties boekhoudkundig te verwerken. De betaalde vergoeding weerspiegelt de reële waarde van de overgedragen activa, de overgenomen verplichtingen en de uitgegeven eigenvermogensinstrumenten. De overgedragen vergoeding omvat de reële waarde van een actief of passief die voortvloeit uit een overeenkomst met betrekking tot voorwaardelijke vergoeding (bijvoorbeeld regelingen voor variabele vergoeding voor toekomstige gebeurtenissen zoals winstdoelstellingen na overnamedatum of het welslagen van een belangrijk project). Verworven identificeerbare activa en verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen overgenomen als gevolg van een bedrijfscombinatie worden aanvankelijk gewaardeerd tegen hun reële waarde op de overnamedatum. Voor elke overname waardeert de Groep elk minderheidsbelang in de overgenomen partij tegen de reële waarde of tegen het evenredige deel van het minderheidsbelang in de netto- activa van de overgenomen partij. De kosten die gemaakt werden in het kader van de overname worden opgenomen in de resultatenrekening. De aankoopkosten worden gewaardeerd als het totaal van de overgedragen vergoeding, gewaardeerd aan de reële waarde op de overnamedatum en het bedrag van minderheidsbelangen en eerder aangehouden belangen in de overgenomen entiteit. Voor elke bedrijfscombinatie waardeert de Groep de minderheidsbelangen in de overgenomen partijen aan de reële waarde of aan het evenredige deel in de identificeerbare netto-activa van de overgenomen partij. Het verschil van de totale vergoeding van de overname en het bedrag van de minderheidsbelangen over het netto erkend bedrag (meestal aan reële waarde) van de verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen wordt aanzien als goodwill. Negatieve goodwill wordt onmiddellijk in de resultatenrekening opgenomen. Intercompany-transacties, balansen en niet-gerealiseerde winsten op transacties tussen entiteiten van de Groep worden geëlimineerd tijdens de consolidatie. Niet- gerealiseerde verliezen worden ook geëlimineerd, tenzij de transactie bewijs levert van een bijzondere waardevermindering van het getransfereerde actief in welk geval het actief in waarde wordt verminderd via de resultatenrekening. De grondslagen van financiële verslaggeving van dochterondernemingen worden waar nodig aangepast om ervoor te zorgen dat de grondslagen die door de Groep worden gehanteerd consistent worden toegepast. IFRS 5 (Vaste activa aangehouden voor verkoop en stopgezette bedrijfsactiviteiten) specificeert niet de behandeling voor de eliminatie van intercompany- transacties tussen de stopgezette en de voortgezette bedrijfsactiviteiten. Als grondslag voor financiële verslaggeving opteert Belysse Group voor het elimineren van intercompany-transacties in de resultatenrekening tussen de stopgezette en de voortgezette bedrijfsactiviteiten in overeenstemming met de vereiste eliminatie van alle intercompany-saldi voor de presentatie van de jaarrekening (IFRS 10). Segmentrapportage Toelichting 4 verschaft informatie over de segmenten van de Groep overeenkomstig IFRS 8. De Groep zal haar resterende bedrijfsactiviteiten uitvoeren via twee segmenten die regionaal georganiseerd zijn. Het Europese segment ontwerpt, produceert en distribueert kamerbrede merktapijten (merken ITC en Arc Edition) en modulaire tapijttegels (merk modulyss). Het Amerikaanse segment ontwerpt, produceert en distribueert modulaire tapijttegels, voornamelijk voor kantoren en overheidsprojecten via het merk Bentley van de Groep in de VS. Operationele segmenten worden op een consistente manier gerapporteerd in lijn met de interne rapportering die wordt voorgesteld aan de Raad van Bestuur en het Managementcomité. Op maandelijkse basis worden voor het Managementcomité de posten voor omzet, Gecorrigeerde EBITDA, netto-voorraad, handelsvorderingen en investeringen weergegeven. De segmentinformatie die in Toelichting 4 wordt verschaft, werd op deze basis geselecteerd. Hieruit volgt dat andere posten, zoals totale activa en passiva per segment niet intern worden nagezien en dus ook niet worden toegelicht. Intrestopbrengsten, intrestkosten en belastingen worden centraal beheerd en hierdoor worden zulke posten niet per segment voorgesteld en worden ze uitgesloten van de waardering van de winstgevendheid per segment. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 164 Toelichting 1.3. Omrekening vreemde valuta Functionele en presentatievaluta De posten in de jaarrekening van elk van de entiteiten van de Groep zijn gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de desbetreffende entiteit werkzaam is (‘de functionele valuta’). Deze geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in euro, zijnde de presentatievaluta en de functionele valuta van de Groep. Alle bedragen zijn uitgedrukt in duizenden euro’s tenzij anders vermeld. Transacties en saldi Transacties in vreemde valuta worden naar de functionele valuta omgerekend tegen de koersen die gelden op de data van de transacties of op de datum van waardering, in het geval van posten die op de rapporteringsdatum opnieuw worden gewaardeerd. Wisselkoerswinsten en -verliezen die voortvloeien uit de afwikkeling van dergelijke transacties en uit de herwaardering van de monetaire balansposten aan de koers op eindejaar, en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta worden opgenomen in de resultatenrekening. Wisselkoerswinsten en -verliezen die verband houden met liquide middelen en leningen, inclusief leningen, schulden en vorderingen tussen entiteiten van de Groep die niet in aanmerking komen als een netto-investering in een buitenlandse transactie worden in de resultatenrekening opgenomen in ‘Financiële opbrengsten’ en ‘Financiële kosten’. Alle andere wisselkoerswinsten en -verliezen worden opgenomen in de resultatenrekening in ‘Overige opbrengsten’ of ‘Overige kosten’, een onderdeel van de bedrijfswinst. De belangrijkste wisselkoersen die werden gebruikt bij het opstellen van deze jaarrekening zijn de volgende: 31 december 2024 31 december 2023 Slotkoers Gemiddelde Slotkoers Gemiddelde koers koers USD 1,0389 1,0824 1.1050 1,0813 GBP 0,82918 0,84662 0,86905 0,86979 Entiteiten van de Groep De resultaten en de financiële positie van alle entiteiten van de Groep (waarvan geen enkele entiteit een valuta gebruikt van een land dat onderworpen is aan hyperinflatie) die een andere functionele valuta gebruiken dan de valuta waarin de jaarrekening is opgesteld, worden als volgt omgerekend naar de valuta waarin de jaarrekening is opgesteld: • activa en passiva voor elke gepresenteerde balans worden omgerekend tegen de slotkoers of koers van eindejaar; • inkomsten en uitgaven voor elke resultatenrekening worden omgerekend tegen de gemiddelde wisselkoersen (tenzij dit gemiddelde geen redelijke benadering is van het gecumuleerde effect van de op de transactiedata geldende koersen, in welk geval inkomsten en uitgaven omgerekend worden tegen de koers op de transactiedata); en • alle hieruit voortvloeiende wisselkoersverschillen worden opgenomen in ‘Niet-gerealiseerde resultaten’. Bij de consolidatie worden wisselkoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de netto- investeringen in buitenlandse activiteiten en van leningen en andere valuta-instrumenten die aangemerkt zijn als hedging-instrumenten van (eventuele) dergelijke investeringen, overgeboekt naar niet-gerealiseerde resultaten. Wanneer een buitenlandse activiteit gedeeltelijk wordt afgestoten of verkocht, worden de wisselkoersverschillen die onder het eigen vermogen waren opgenomen, opgenomen in de resultatenrekening als onderdeel van de winst of het verlies op verkoop. Wisselkoerswinsten en -verliezen die verband houden met leningen en transacties tussen entiteiten van de Groep in een andere valuta dan functionele valuta worden in de resultatenrekening opgenomen in ‘Financiële opbrengsten’ en ‘Financiële kosten’ wanneer deze leningen niet in aanmerking komen als een netto- investering in een buitenlandse activiteit. Wisselkoerswinsten en -verliezen die voortvloeien uit hedging-instrumenten met een handelskarakter worden opgenomen in ‘Niet-gerealiseerde resultaten’ vóór ze uitgeoefend worden. Op datum van uitoefening worden de resultaten in de resultatenrekening opgenomen in ‘Financiële opbrengsten’ en ‘Financiële kosten’. Goodwill en aanpassingen van de reële waarde na overname van een buitenlandse entiteit worden behandeld als activa en passiva van de buitenlandse entiteit en worden omgerekend tegen de slotkoers. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 165 Toelichting 1.4. Materiële vaste activa Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen aanschaffingswaarde, verminderd met eventuele gecumuleerde afschrijvingen en verminderd met eventuele gecumuleerde waardeverminderingen. De kostprijs van materiële vaste activa omvat ook de geraamde kostprijs voor ontmanteling en verwijdering van het actief en het herstellen van de site in zijn oorspronkelijke staat, waarbij de voorziening wordt opgenomen in overeenstemming met IAS 37 ‘Voorzieningen, voorwaardelijke verplichtingen en voorwaardelijke activa’. Latere kosten worden opgenomen in de boekwaarde van het actief of als een afzonderlijk actief, waar gepast, maar enkel wanneer het waarschijnlijk is dat toekomstige economische voordelen die verbonden zijn aan het actief naar de Groep zullen vloeien en de kostprijs van het actief op een betrouwbare wijze kan worden gemeten. De boekwaarde van het vervangen onderdeel wordt niet langer in de balans opgenomen. Alle andere herstellingen en onderhoudskosten worden opgenomen in de resultatenrekening tijdens de boekingsperiode waarin ze zijn gemaakt Gronden worden niet afgeschreven. De afschrijving van andere activa wordt berekend volgens de lineaire methode om de kosten te kunnen toewijzen over de geraamde resterende levensduur, en wel als volgt: Industriële en administratieve gebouwen • Structurele werkzaamheden • Andere elementen • Machines • Rollend materieel • Meubilair en toebehoren 40-50 jaar 10-25 jaar 10-33 jaar 5 jaar 5-15 jaar Auto’s in eigendom worden afgeschreven tot een restwaarde van 20% van de oorspronkelijke kostprijs. Vervangingsonderdelen aangekocht voor specifieke installaties worden geactiveerd en afgeschreven over de nuttige levensduur die niet meer dan 4 jaar bedraagt. Productstalen worden geactiveerd en afgeschreven over 2 jaar. De restwaarde en nuttige levensduur van activa worden herzien en waar nodig aangepast op het einde van de verslagperiode. De boekwaarde van een actief wordt onmiddellijk verminderd tot het realiseerbare bedrag indien de boekwaarde van het actief hoger is dan het geraamde realiseerbare bedrag. Aanpassingen aan de reële waarde als gevolg van bedrijfs- combinaties worden afgeschreven over de geraamde resterende nuttige levensduur van de betreffende activa. Winsten en verliezen op verkopen van activa worden bepaald door de opbrengsten te vergelijken met de boekwaarde en worden in de resultatenrekening opgenomen in ‘Overige opbrengsten’ of ‘Overige kosten’. Toelichting 1.5. Goodwill De goodwill wordt toegerekend aan kasstroom-genererende eenheden of groepen van kasstroom-genererende eenheden waarvan verwacht wordt dat zij voordeel zullen halen uit de bedrijfscombinatie waaruit de goodwill ontstond. Goodwill wordt jaarlijks getest op waardevermindering en tegen kostprijs gewaardeerd in de onderliggende valuta verminderd met de gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill worden niet meer teruggedraaid. Winsten en verliezen op de verkoop van een kasstroom-genererende eenheid omvatten de boekwaarde van de goodwill met betrekking tot de verkochte kasstroom- genererende eenheid. Toelichting 1.6. Andere immateriële vaste activa Handelsmerken Handelsmerken die verworven zijn in een bedrijfscombinatie worden opgenomen tegen de reële waarde op de verwervingsdatum. De reële marktwaarde wordt bepaald op basis van een berekening van de netto contante waarde, gecorrigeerd voor de kosten die moeten worden gemaakt om de handelsmerken verder in de markt te ondersteunen. Handelsmerken hebben een eindige nuttige levensduur en worden geboekt tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde waardeverminderingen. De waardeverminderingen worden berekend volgens de lineaire methode om de kostprijs van de handelsmerken toe te wijzen over het kortste van hun geraamde nuttige levensduur of de periode van het wettelijk recht, die voor de huidige handelsmerken 10 jaar bedraagt. Software en licenties De kosten in verband met de aankoop van software worden geactiveerd tegen hun kostprijs en worden vervolgens afgeschreven over hun geraamde nuttige levensduur volgens de lineaire methode of over de looptijd van het contract, mocht deze korter zijn. De nuttige levensduur wordt meestal geraamd op 5 jaar. Uitgaven voor gekochte licenties worden geactiveerd tegen hun kostprijs en worden vervolgens afgeschreven over hun geraamde nuttige levensduur volgens de lineaire methode of over de looptijd van het contract, mocht deze korter zijn. De nuttige levensduur wordt meestal geraamd op 5 jaar. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 166 Intern ontwikkelde software en andere ontwikkelingskosten Kosten die verbonden zijn aan het onderhoud van computersoftwareprogramma’s worden opgenomen als een uitgave wanneer deze wordt gemaakt. Ontwikkelingskosten die rechtstreeks toerekenbaar zijn aan het ontwerp en het testen van identificeerbare en unieke softwareproducten die gecontroleerd worden door de Groep worden in immateriële activa opgenomen wanneer aan de volgende criteria is voldaan: • het is technisch haalbaar om de software te voltooien zodat deze beschikbaar is voor gebruik; • het management heeft de intentie om de software te voltooien en deze te gebruiken of te verkopen; • er bestaat een mogelijkheid om de software te gebruiken of te verkopen; • er kan worden aangetoond hoe de software in de toekomst waarschijnlijk economische voordelen kan opleveren; • er zijn adequate technische, financiële en andere middelen beschikbaar om de ontwikkeling te voltooien en om het softwareproduct te gebruiken of te verkopen; en • de uitgaven die toerekenbaar zijn aan de software tijdens de ontwikkeling ervan kunnen op een betrouwbare manier worden gemeten. Rechtstreeks toerekenbare kosten die geactiveerd worden als onderdeel van het softwareproduct omvatten de personeelskosten voor de softwareontwikkeling en een redelijk deel van rechtstreeks toerekenbare vaste bedrijfskosten. Andere ontwikkelingsuitgaven die niet aan deze criteria beantwoorden, worden opgenomen als een uitgave wanneer deze wordt gemaakt. Ontwikkelingskosten die eerder opgenomen waren als een uitgave worden in een daaropvolgende periode niet opgenomen als een actief. Ontwikkelingskosten voor computersoftware opgenomen als activa worden afgeschreven over hun geraamde nuttige levensduur, die over het algemeen tussen 3 en 5 jaar bedraagt. Toelichting 1.7. Bijzondere waardevermindering van vaste activa Goodwill is niet onderworpen aan afschrijving en wordt jaarlijks getoetst op een bijzondere waardevermindering of vaker wanneer gebeurtenissen of veranderingen in omstandigheden aangeven dat ze mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Andere activa worden getoetst op bijzondere waardevermindering wanneer gebeurtenissen of wijzigingen in omstandigheden aangeven dat de boekwaarde mogelijk niet realiseerbaar is. Er wordt een bijzondere waardevermindering opgenomen voor het bedrag waarvoor de boekwaarde de realiseerbare waarde ervan overstijgt. De realiseerbare waarde is de hoogste van de reële waarde van een actief verminderd met de kosten van verkoop en de gebruikswaarde. Deze waarden worden over het algemeen bepaald op basis van de berekening van de contante waarde van de kasstroom. Met het oog op de beoordeling van de bijzondere waardevermindering worden activa gegroepeerd op de laagste niveaus waarvoor er afzonderlijk identificeerbare kasinstromen zijn die grotendeels afhankelijk zijn van kasinstromen uit andere activa of groepen van activa (kasstroom-genererende eenheden). Andere niet-financiële activa dan goodwill die een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan, worden op het einde van elke verslagperiode beoordeeld op mogelijke terugname van de bijzondere waardevermindering. Toelichting 1.8. Afgeleide financiële instrumenten Afgeleide financiële instrumenten worden aanvankelijk tegen reële waarde opgenomen op de datum waarop een derivatencontract is gesloten en worden daarna opnieuw tegen reële waarde herrekend. De Groep neemt alle winsten of verliezen die voortvloeien uit wijzigingen in reële waarde van derivaten in de resultatenrekening op onder ‘Overige inkomsten’ of ‘Overige kosten’, voor zover ze betrekking hebben op bedrijfsactiviteiten en onder ‘Financiële opbrengsten’ of ‘Financiële kosten’ voor zover ze betrekking hebben op de financieringsactiviteiten van de Groep. Afgeleide financiële instrumenten die gebruikt worden om de blootstelling aan variabiliteit van toekomstige kasstromen af te dekken, worden aangemerkt als afdekkingen op basis van kasstroom-hedging. Het effectieve deel van de wijzigingen in reële waarde vanaf de aanwijzingsdatum van de kasstroom-hedge wordt opgenomen in de kasstroom-hedge-reserve, onderdeel van ‘Niet-gerealiseerde resultaten’. Bedragen opgenomen in de kasstroom-hedge-reserve zullen in de resultatenrekening worden opgenomen in dezelfde periode of periodes tijdens welke de verwachte transactie die wordt afgedekt, een impact heeft op de resultatenrekening. In geval van afdekking van een verwachte verkooptransactie, valt dit samen met de datum waarop de opbrengst en de handelsvordering wordt verantwoord. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 167 Wanneer de onderliggende afgedekte transactie niet langer beantwoordt aan de criteria voor hedge-accounting, zal de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies op het afdekkingsinstrument die/dat in ‘Overige niet-gerealiseerde resultaten’ werd opgenomen vanaf de periode toen de afdekking effectief was, overgeboekt worden van het eigen vermogen naar de winst of het verlies als een herclassificatie-aanpassing. Wanneer niet langer verwacht wordt dat de onderliggende afdekkingstransactie zal plaatsvinden, zullen de cumulatieve winsten of verliezen op het afdekkingsinstrument die in ‘Overige niet-gerealiseerde resultaten’ werden opgenomen vanaf de periode toen de afdekking effectief was, overgeboekt worden van het eigen vermogen naar de winst of het verlies als een herclassificatie-aanpassing . Toelichting 1.9. Voorraden Voorraden worden opgenomen tegen het laagste van de kostprijs of de realiseerbare nettowaarde. Deze realiseerbare nettowaarde wordt op regelmatige basis herzien en bijgewerkt om de geschatte verkoopprijs minus verkoopuitgaven te weerspiegelen op basis van historische data en verwachtingen. De kosten worden bepaald volgens de first-in, first-out (‘FIFO’) -methode. De kostprijs van afgewerkte producten en werken in uitvoering omvat onder meer ontwerpkosten, grondstoffen, directe arbeidskosten, andere directe kosten en gerelateerde productiekosten (op basis van normale bedrijfscapaciteit). De realiseerbare nettowaarde is de geschatte verkoopprijs bij normale bedrijfsuitoefening verminderd met de variabele verkoopuitgaven. Op basis van een gekwantificeerde methode worden voorzieningen tegen de boekwaarde van voorraden opgenomen, rekening houdend met kwalitatieve aspecten, waaronder de laagste waarde van de kostprijs versus de inschatting van de realiseerbare nettowaarde. Deze voorzieningen worden beoordeeld door het management. Toelichting 1.10. Handelsvorderingen Handelsvorderingen zijn bedragen die verschuldigd zijn van klanten voor goederen die verkocht of diensten die verleend werden in het kader van de normale bedrijfsuitoefening. Handelsvorderingen worden aanvankelijk opgenomen tegen reële waarde en later gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs gebruik makend van de effectieve intrestmethode, verminderd met een eventuele provisie voor dubieuze debiteuren. Handelsvorderingen worden op een continue basis beoordeeld. Ze worden als vlottende activa geclassificeerd wanneer verwacht wordt dat de vordering binnen het jaar wordt geïnd. In het andere geval worden ze opgenomen als vaste activa. De Groep heeft IFRS 9 toegepast door de gewijzigde retrospectieve methode toe te passen, door gebruik te maken van de vereenvoudigde benadering van de norm en berekende verwachte kredietverliezen (ECL’s) op basis van de verwachte kredietverliezen over de volledige levensduur. De Groep heeft een voorzieningenmatrix opgesteld. De handelsvorderingen zijn ingedeeld volgens gemeenschappelijke kenmerken die representatief zijn voor het vermogen van de klant om te betalen (op basis van de geografische regio en het type klanten, zoals detailhandel, groothandel of bouw & constructie en de status van wanbetaling). De voorzieningenmatrix is gebaseerd op de voorspelde wanbetalingspercentages die zijn gepubliceerd door Moody’s, en is aangepast met schaalfactoren om verschillen te weerspiegelen in de visie van de Groep op de huidige en voorspelde economische omstandigheden en de historische omstandigheden. Naast deze algemene aanpak, neemt de Groep naargelang het geval ook individueel beheerde posities op die niet onder het ECL-model vallen, waarbij ook rekening wordt gehouden met extra risicofactoren in het ECL-model, indien deze nog niet zijn opgenomen. Toelichting 1.11. Liquide middelen Liquide middelen omvatten kasmiddelen, bij banken direct opvraagbare deposito’s, overige kortlopende liquide beleggingen en bankvoorschotten. Bankschulden worden in de balans opgenomen onder ‘Bankleningen’, onder kortlopende schulden. Toelichting 1.12. Maatschappelijk kapitaal Gewone aandelen worden opgenomen als eigen vermogen. Kosten die rechtstreeks toerekenbaar zijn aan de uitgifte van nieuwe aandelen of opties worden netto, na aftrek van belastingen, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Toelichting 1.13. Overheidssubsidies Overheidssubsidies worden opgenomen tegen hun reële waarde wanneer er redelijke zekerheid bestaat dat deze subsidie zal worden toegekend en de Groep zal voldoen aan alle voorwaarden die eraan verbonden zijn. Overheidssubsidies met betrekking tot kosten worden uitgesteld en opgenomen in de resultatenrekening in ‘Overige opbrengsten’ over de periode die nodig is om ze in overeenstemming te brengen met de kosten die ze geacht zijn te compenseren. Overheidssubsidies met betrekking tot materiële vaste activa worden opgenomen in langlopende schulden als uitgestelde overheidssubsidies en worden op lineaire basis gecrediteerd op de resultatenrekening over de verwachte nuttige levensduur van de bijhorende activa. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 168 Toelichting 1.14. Handelsschulden Handelsschulden zijn verplichtingen tot het betalen van goederen of diensten die in het kader van de normale bedrijfsuitoefening werden aangeschaft bij leveranciers. Handelsschulden worden als kortlopende schulden geclassificeerd wanneer betaling verschuldigd is binnen een jaar of minder (of binnen de normale bedrijfscyclus indien langer). In het andere geval worden ze opgenomen als langlopende schulden. Handelsschulden worden aanvankelijk opgenomen tegen reële waarde en later gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs gebruik makend van de effectieve intrestmethode. Financieringsregelingen voor de leverancier worden opgenomen als een financiële verplichting tenzij de oorspronkelijke handelsschuld afgelost is of waar de voorwaarden ingrijpend gewijzigd zijn zodat ze in aanmerking komen om in overeenstemming met IFRS 9 van de balans te worden gehaald (zie Toelichting 1.17. ‘Uitboeken van financiële activa en verplichtingen’). Toelichting 1.15. Classificatie als schuld of eigen vermogen Sommige instrumenten die de juridische vorm van een schuld hebben, zijn in wezen eigen vermogen. Een financieel instrument wordt geclassificeerd als een financiële verplichting of een eigen-vermogensinstrument afhankelijk van de inhoud van de regeling, veeleer dan van de juridische vorm. Verplichtingen ontstaan wanneer de emittent contractueel verplicht is de houder geldmiddelen of een ander financieel actief te leveren. Een instrument is alleen een eigen-vermogensinstrument als de emittent een dergelijke verplichting niet heeft, d.w.z. als hij het onvoorwaardelijke recht heeft een afwikkeling in contanten of een ander financieel actief te vermijden. De mogelijkheid om de betaling uit te stellen is niet voldoende om de classificatie als eigen vermogen te verkrijgen, tenzij de betaling voor onbepaalde tijd kan worden uitgesteld. Over het algemeen is een verplichting van een entiteit om haar eigen aandelen te leveren geen financiële verplichting omdat de eigen aandelen van een entiteit niet als haar financiële activa worden beschouwd. Een uitzondering hierop is het geval waarbij een entiteit verplicht is om een variabel aantal van haar eigen- vermogensinstrumenten te leveren. Toelichting 1.16. Senior Secured Notes, bank- en overige leningen Senior Secured Notes, bank- en overige leningen worden aanvankelijk opgenomen tegen reële waarde, na aftrek van gemaakte transactiekosten. Daarna worden ze geboekt tegen geamortiseerde kostprijs; elk verschil tussen de opbrengsten (na aftrek van transactiekosten) en de aflossingswaarde wordt opgenomen in de resultatenrekening over de periode van de leningen, gebruik makend van de effectieve intrestmethode. Toelichting 1.17. Uitboeken van financiële activa en verplichtingen Een financieel actief (of, waar van toepassing, een deel van een financieel actief of deel van een groep van gelijkaardige financiële activa) wordt uitgeboekt wanneer: • de rechten om kasstromen uit het actief te ontvangen, vervallen zijn; • de Groep het recht behoudt om kasstromen uit het actief te ontvangen, maar een verplichting is aangegaan om ze volledig en zonder relevant uitstel te betalen aan een derde partij in het kader van een ‘doorgeefregeling’; of • de Groep haar rechten om kasstromen uit het actief te ontvangen, heeft overgedragen en ofwel (a) vrijwel alle risico’s en voordelen van het actief heeft overgedragen, ofwel (b) niet vrijwel alle risico’s en voordelen van het actief heeft overgedragen of behouden, maar de controle van het actief heeft overgedragen. Wanneer aan de criteria van IFRS 9 voor het uitboeken niet is voldaan, blijven de vorderingen opgenomen in de balans, terwijl de inkomsten die de Groep ontvangt in het kader van financierings/factoring-regelingen opgenomen worden als een financiële verplichting. Een financiële verplichting wordt uitgeboekt wanneer de verplichting kwijtgescholden of geschrapt wordt of haar vervaldatum heeft bereikt. Wanneer een bestaande financiële verplichting vervangen wordt door een andere van dezelfde kredietverstrekker maar met aanzienlijk verschillende voorwaarden, of wanneer de bestaande verplichting overgedragen wordt naar een andere kredietverstrekker en de Groep door haar oorspronkelijke kredietverstrekker van haar verplichting wordt gekweten, of de voorwaarden van een bestaande verplichting aanzienlijke wijzigingen ondergaan, wordt een dergelijke ruil of wijziging behandeld als een uitboeking van de oorspronkelijke verplichting en de boeking van een nieuwe verplichting en wordt het verschil tussen de respectieve bedragen opgenomen in de resultatenrekening. De voorwaarden zijn aanzienlijk verschillend wanneer de verdisconteerde huidige waarde van de kasstromen krachtens de nieuwe voorwaarden, inclusief eventuele betaalde vergoedingen na aftrek van eventuele ontvangen en verdisconteerde vergoedingen gebruik makend van de oorspronkelijke effectieve intrestvoet, minstens tien procent verschilt van de verdisconteerde huidige waarde van de resterende kasstromen van de oorspronkelijke financiële verplichting. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 169 Toelichting 1.18. Verschuldigde en uitgestelde belastingen De belastinguitgaven voor de periode omvatten verschuldigde en uitgestelde belastingen. De belastingen worden opgenomen in de resultatenrekening, behalve wanneer ze betrekking hebben op posten die opgenomen zijn in ‘Niet-gerealiseerde resultaten’ of rechtstreeks in ‘Eigen vermogen’. In dit geval worden de belastingen ook opgenomen respectievelijk in ‘Niet-gerealiseerde resultaten’ of rechtstreeks in ‘Eigen vermogen’. De actuele belastinglast wordt berekend op basis van de belastingwetgeving waarvan het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten op de balansdatum in de landen waar de entiteiten van de Groep actief zijn en belastbaar inkomen genereren. In overeenstemming met paragraaf 46 van ‘Inkomstenbelastingen’ onder IAS 12, evalueert het management op periodieke basis posities aangenomen in belastingaangiften met betrekking tot situaties waarin de toepasselijke belastingregelgeving aan interpretatie onderhevig is. Ze legt waar gepast voorzieningen aan op basis van de bedragen die verwacht betaald zullen moeten worden aan de belastingautoriteiten. Deze evaluatie wordt gemaakt voor belastbare periodes die open zijn voor audit door de bevoegde instanties. Uitgestelde inkomstenbelastingen worden volgens de balansmethode voor tijdelijke verschillen die ontstaan tussen de fiscale basis van activa en verplichtingen en hun boekwaarde opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening. De uitgestelde inkomstenbelastingen worden echter niet geboekt wanneer zij ontstaan uit de aanvankelijke opname van een actief of verplichting in een andere transactie dan een bedrijfscombinatie die op het ogenblik van de transactie geen impact heeft op het boek- houdkundige of belastbare winst of verlies. De uitgestelde inkomstenbelastingen worden bepaald gebruik makend van de belastingtarieven (en wetten) die op de balansdatum uitgevaardigd of inhoudelijk uitgevaardigd zijn en waarvan verwacht wordt dat ze van toepassing zullen zijn wanneer het actief waarop de belastinglatentie betrekking heeft, gerealiseerd wordt of de uitgestelde belastingschuld wordt afgewikkeld. Uitgestelde belastingvorderingen worden enkel opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat er toekomstige belastbare winst beschikbaar zal zijn waarmee de tijdelijke verschillen kunnen worden verrekend. Uitgestelde inkomstenbelastingen worden voorzien voor tijdelijke verschillen die voortvloeien uit investeringen in dochterondernemingen en deelnemingen, tenzij de Groep de volledige controle heeft over het moment waarop het tijdelijke verschil wordt teruggeboekt en het waarschijnlijk is dat het tijdelijk verschil niet in de nabije toekomst zal worden teruggeboekt. Uitgestelde belastingvorderingen en -schulden worden gesaldeerd als er een wettelijk afdwingbaar recht bestaat om verschuldigde belastingvorderingen te salderen tegen verschuldigde belastingschulden en wanneer de uitgestelde belastingvorderingen en -schulden betrekking hebben op inkomstenbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit op ofwel de belastbare entiteit of verschillende belastbare entiteiten wanneer er een intentie bestaat om de saldi op netto basis te vereffenen. Uitgestelde belastingen worden niet verdisconteerd. IFRIC 23 ‘Onzekerheid over fiscale behandelingen van inkomsten’. Deze interpretatie verduidelijkt de boekhoudkundige verwerking voor onzekerheden inzake inkomstenbelastingen. De interpretatie moet worden toegepast op de bepaling van de belastbare winst (het belastbare verlies), belastbare basis, niet-gecompenseerde fiscale verliezen, ongebruikte belastingkredieten en belastingvoeten, wanneer er onzekerheid bestaat over het feit of de belasting opgenomen door een Groep aanvaard zal worden door de belastingautoriteit. Ze wordt toegepast op zowel verschuldigde als uitgestelde belastingen wanneer er onzekerheid bestaat over de belastingpositie van een Groep. De Groep heeft een gedetailleerde inschatting gemaakt van alle belastingonzekerheden binnen de Groep die de volgende implicaties hebben voor de boekhoudkundige principes: a. De Groep heeft beslist of haar onzekere belastingposities individueel of gezamenlijk in aanmerking moeten worden genomen, gebaseerd op welke benadering de beste voorspellingen verschafte van het oplossen van de onzekerheden met de belastingautoriteit; b. De Groep is ervan uitgegaan dat de belastingautoriteit de positie zal onderzoeken (indien ze gemachtigd is dit te doen) en volledige kennis zal hebben van alle relevante informatie; c. De Groep heeft geval per geval beslist om een onzekere belastingpositie (groep van onzekere belastingposities) op te nemen gebruik makend van ofwel het meest waarschijnlijke bedrag of de verwachte waarde, afhankelijk van wat gedacht wordt een betere voorspelling op te leveren voor het oplossen van elke (groep van) onzekere belasting- positie(s) om de waarschijnlijkheid van een aanpassing uitgevoerd na onderzoek te weerspiegelen. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 170 Toelichting 1.19. Voorzieningen Voorzieningen voor herstructureringskosten, juridische claims, servicegaranties en compensatieverplichtingen worden opgenomen wanneer de Groep een bestaande in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft ten gevolge van gebeurtenissen in het verleden, het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen vereist zal zijn om de verplichting af te wikkelen en het bedrag op betrouwbare wijze kan worden geschat. Er worden geen voorzieningen opgenomen voor toekomstige bedrijfsverliezen. Wanneer er sprake is van een aantal gelijkaardige verplichtingen, wordt de categorie van verplichtingen in haar geheel beschouwd om te bepalen of het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen vereist zal zijn om de verplichtingen af te wikkelen. Een voorziening wordt opgenomen zelfs als de waarschijnlijkheid van een uitstroom met betrekking tot één van de items in dezelfde categorie van verplichtingen klein is. Voorzieningen worden berekend tegen de contante waarde van de beste schatting van het management van de kosten vereist om de huidige verplichting af te wikkelen op het einde van de verslagperiode. De disconteringsvoet die wordt gebruikt om de contante waarde te bepalen is een disconteringsvoet vóór belastingen die een afspiegeling is van de huidige marktbeoordelingen van de tijdswaarde van geld en de specifieke risico’s van de verplichting. De toename van de voorziening als gevolg van het verstrijken van tijd wordt opgenomen als intrestuitgave. Toelichting 1.20. Personeelsvoordelen Pensioenverplichtingen IAS 19 onderscheidt twee types van regelingen betreffende vergoedingen na uitdiensttreding: • Toegezegde-bijdrageregelingen of ‘defined contribution plans’ (DC-plannen) zijn regelingen betreffende vergoeding na uitdiensttreding waarbij een onderneming vaste bijdragen betaalt in een afzonderlijke entiteit (een fonds of groepsverzekeringscontract) en geen in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft om verdere bijdragen te betalen indien het fonds niet over voldoende activa beschikt om alle personeelsbeloningen te betalen die verband houden met werknemersprestaties in de huidige of vorige periodes; • Toegezegde-pensioenregelingen of ‘defined benefit plans’ (DB-plannen) zijn alle andere regelingen betreffende vergoedingen na uitdiensttreding dan toegezegde- bijdrageregelingen. De entiteiten van de Groep hanteren één toegezegde- pensioenregeling voor een groep managers en verschillende pensioenregelingen die worden gefinancierd door betalingen aan verzekeringsmaatschappijen. Gelet op de Belgische wetgeving die van toepassing is op de 2de pensioenpijler (zogenaamde ‘Wet Vandenbroucke’), moeten alle Belgische toegezegde-bijdrageregelingen onder IFRS beschouwd worden als toegezegde-pensioenregelingen. De Wet Vandenbroucke bepaalt dat de werkgevers in het kader van toegezegde-bijdrageregelingen, een minimumrendement van 3,75% moeten waarborgen op werknemersbijdragen en van 3,25% op werkgeversbijdragen. Kort voor het jaareinde van 2015 is er echter een wijziging in de Belgische wetgeving doorgevoerd die resulteerde in een daling van het gewaarborgde rendement van 3,25% tot een minimale rentevoet gebaseerd op de Belgische rentevoet op 10 jaar, maar binnen de vork van 1,75%-3,25%. De nieuwe rentevoet (1,75% per 31 december 2024 en per 31 december 2023) is van toepassing voor de jaren na 2015 op de toekomstige bijdragen en ook op de gecumuleerde bijdragen van het verleden vanaf 31 december 2015 wanneer het financieringsorganisme geen bepaald resultaat op de bijdragen kan garanderen tot de pensioenleeftijd. Wanneer het organisme een dergelijk resultaat kan garanderen, blijven de historische rentevoeten van toepassing. Door deze gegarandeerde minimumrendementen is de werkgever blootgesteld aan een financieel risico: verdere bijdragen zouden vereist kunnen zijn als het rendement op de activa niet voldoende is om het minimumvoordeel te behalen dat betaald moet worden. De Groep heeft regelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding die worden gefinancierd door middel van verzekeringscontracten. De ‘projected unit credit’-methode is gebruikt als actuariële techniek voor de waardering van de verplichting uit hoofde van toegezegde- pensioenregelingen. Merk op dat voor de bonusplannen een vereenvoudigde benadering wordt toegepast, aangezien het niet mogelijk is om toekomstige bonussen (die toekomstige bijdragen definiëren) te voorspellen. De reële waarde van de fondsbelegging is gebaseerd op § 113 van IAS 19 en wordt gedefinieerd als de contante waarde van de door de verzekeringsmaatschappij gegarandeerde pensioenkapitalen (op basis van de door de verzekeringsmaatschappij vastgestelde tarieven). De gebruikte disconteringsvoet houdt rekening met het beleggings-risico van financiële instellingen door te verwijzen naar financiële A-obligaties. Daarom wordt een extra verschil toegevoegd aan de disconteringsvoet van de verplichting uit hoofde van toegezegde- pensioenregelingen (‘defined benefit plans’ of DB-plannen) dat het verschil weergeeft tussen AA-bedrijfsobligaties en A- bedrijfs-obligaties. Op 31 december 2024 bedroeg deze kloof 40 basispunten. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 171 Andere verplichtingen na uitdiensttreding De Groep heeft geen andere verplichtingen na uitdiensttreding. Ontslagvergoedingen Ontslagvergoedingen zijn verschuldigd wanneer het dienstverband van een werknemer wordt beëindigd door de Groep vóór de normale pensioendatum of wanneer een werknemer in ruil voor deze vergoedingen vrijwillig ontslag heeft aanvaard. De Groep boekt een verplichting en uitgave voor ontslagvergoedingen op de vroegste van de volgende datums: (a) wanneer de Groep het aanbod van deze voordelen niet langer kan intrekken; en (b) wanneer de Groep kosten boekt voor een herstructurering die binnen het toepassingsgebied van IAS 37 valt en de betaling van ontslagvergoedingen inhoudt. Vergoedingen die worden toegekend na meer dan 12 maanden na het einde van de verslagperiode worden verdisconteerd tegen hun contante waarde. In België zorgt het systeem van brugpensioen ervoor dat oudere personen die door hun werkgever ontslagen worden of die aangemoedigd worden om hun dienstverband te beëindigen en die aan bepaalde voorwaarden voldoen, in aanmerking komen voor een aanvullende werkloosheidsuitkering die betaald wordt door hun vroegere werkgever bovenop de werkloosheidsuitkeringen die betaald worden door de sociale zekerheid. Doorgaans wordt die uitkering betaald tot de normale pensioenleeftijd, die in 2024 65 jaar bedraagt. Binnen de Groep genieten verschillende voormalige werknemers van het systeem van ‘brugpensioen’, op basis van verschillende Belgische collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) die van kracht zijn voor de sector (textielnijverheid en breiwerk / industrie textile et de la bonneterie) of die specifiek zijn voor de Groep. Deze cao’s beschrijven de verschillende mogelijkheden waarover werknemers in de sector beschikken om te genieten van het brugpensioen, de oprichting van een sectorfonds (fonds voor bestaanszekerheid / fonds de sécurité d’existence), deeltijdse arbeid, opleiding en training, enz. Er bestaan bepaalde cao’s voor arbeiders en andere voor bedienden. Voor deze brugpensioenen die rechtstreeks door de werkgever worden betaald, zou een voorziening moeten worden aangelegd overeenkomstig IAS 19. Die werd vastgelegd als de contante waarde van de beste raming van toekomstige kasstromen. De gebruikte disconteringsvoet is gebaseerd op het rendement van bedrijfsobligaties met een hoge rating (AA) met een looptijd die gelijkwaardig is aan de looptijd van de verplichtingen. De wijzigingen in pensioenverplichtingen worden verwerkt in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten wanneer de wijzigingen betrekking hebben op een verandering in de actuariële aannames van het ene jaar op het andere. Bonusregelingen De bonussen die ontvangen worden door werknemers van de vennootschap en het management zijn gebaseerd op het behalen van vooraf door de Groep vastgelegde en individuele doelstellingen. Het geschatte bedrag van de bonus wordt opgenomen als een kost in de periode waarin de bonus wordt verdiend. Op aandelen gebaseerde betalingen Een in eigen-vermogensinstrumenten af te wikkelen, op aandelen gebaseerde betalingstransactie is een transactie waarbij de Groep diensten ontvangt als vergoeding voor haar eigen aandelen (of aandelenopties). De reële waarde van de diensten die in ruil voor de toekenning van de aandelen (of aandelenopties) worden ontvangen, bepaald op basis van de reële waarde op de toekenningsdatum van de aandelen (of aandelenopties), wordt opgenomen als een last voor de duur van de uitoefenperiode. Wanneer op aandelen gebaseerde betalingsregelingen worden betaald in contanten dan worden de verworven goederen en de ontvangen diensten en de verplichting gewaardeerd tegen de reële waarde van de verplichting. Tot de verplichting afgewikkeld is, wordt de reële waarde van de verplichting opnieuw gewaardeerd op het einde van elke verslagperiode en op de afwikkelingsdatum, waarbij eventuele wijzigingen in de reële waarde opgenomen worden in de resultatenrekening voor de periode. Personeelsvoordelen op korte termijn Deze omvatten lonen, salarissen en sociale zekerheidsbijdragen, betaald jaarlijks verlof en ziekteverlof, bonussen en niet-cash voordelen en worden opgenomen als een uitgave voor de desbetreffende periode. Alle bedrijfsmanagers komen in aanmerking voor bonussen die gebaseerd zijn op indicatoren, waaronder persoonlijke prestaties en belangrijke financiële doelstellingen. Het bedrag van de bonus wordt opgenomen als een uitgave, op basis van een raming die gemaakt wordt op het einde van de verslagperiode. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 172 Toelichting 1.21. Opname en erkenning van de omzet Opbrengsten uit contracten Onder IFRS 15 wordt de omzet opgenomen als een bedrag dat de vergoeding weerspiegelt waarop een entiteit verwacht recht te hebben in ruil voor de overdracht van goederen of diensten aan een klant. De nieuwe norm voorziet in een vijfstappenmodel voor het verantwoorden van opbrengsten die voortvloeien uit contracten met klanten. De norm vereist van entiteiten dat ze een oordeel vormen, rekening houdend met alle relevante feiten en omstandigheden wanneer elke stap van het model wordt toegepast op contracten met hun klanten. De vijf stappen zijn het identificeren van het (de) contract(en) met de klant, het identificeren van de resultaatverplichtingen in het contract, het bepalen van de transactieprijs, het toewijzen van de transactieprijs aan elke resultaatverplichting en het opnemen van opbrengsten naarmate aan elke resultaatverplichting is voldaan. De Groep heeft elk van de omzetstromen beoordeeld vanuit het perspectief van IFRS 15 voor omzetopname (zoals vermeld in Toelichting 4) en is tot de conclusie gekomen dat IFRS 15 geen impact heeft op het bedrag en de timing van de omzetopname. Bij toepassing van IFRS 15 heeft de Groep rekening gehouden met het volgende: Opname van opbrengsten uit afzonderlijke resultaatverplichtingen De Groep heeft haar contracten met klanten geanalyseerd om al haar resultaatverplichtingen te bepalen. Resultaatverplichtingen die voortvloeien uit verkoopcontracten van de Groep zijn voornamelijk leveringen aan klanten via orders die verband houden met de verkoop van goederen. Diensten hebben meestal een ondergeschikte rol in de bedrijfsactiviteiten van de Groep of vormen een aanvulling op de levering van goederen. De Groep heeft geen afzonderlijke resultaatverplichtingen geïdentificeerd die boekhoudkundig zouden moeten worden verwerkt in overeenstemming met IFRS 15. Variabele overwegingen Sommige contracten met klanten voorzien in volumediscounts, financiële kortingen, prijsconcessies of een recht op retour voor kwaliteitsclaims. De omzet uit deze verkopen wordt opgenomen op basis van de prijs die vermeld staat in het contract, na aftrek van retours en vergoedingen, volumediscounts en kortingen. Tijdens een boekjaar kan de presentatie van het effect van een variabele prijscomponent gebaseerd worden op het oordeel van het management over kortingsredenen, bijvoorbeeld het verkoopvolume dat in de loop van het jaar bij een bepaalde klant is bereikt. IFRS 15 wijzigt niets aan de principes die door de Groep worden toegepast bij de bepaling of toewijzing van de transactieprijs. Opbrengst opnemen naarmate aan elke resultaatverplichting is voldaan In overeenstemming met IFRS 15 worden opbrengsten opgenomen in de periode waarin de klant de controle van de geleverde goederen op zich neemt. De Groep levert goederen onder contractuele voorwaarden gebaseerd op de internationaal aanvaarde leveringsvoorwaarden (Incoterms) en is tot de conclusie gekomen dat de overdracht van risico’s en voordelen over het algemeen samenvalt met de overdracht van controle op een bepaald moment van de Incoterms. Bijgevolg verandert de timing van de omzet die is opgenomen voor de verkoop van haar producten niet onder IFRS 15. Garantieverplichtingen De Groep biedt garanties dat de verkochte goederen voldoen aan de overeengekomen specificaties. Deze garanties gelden niet als een afzonderlijke dienst (resultaatverplichting) en zullen daarom boekhoudkundig verwerkt blijven worden onder IAS 37 ‘Voorzieningen, voorwaardelijke verplichtingen en voorwaardelijke activa’, zoals in het verleden gebeurde. Intrestopbrengsten Intrestopbrengsten worden opgenomen volgens de effectieve-intrestmethode. Wanneer een vordering een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan, verlaagt de Groep de boekwaarde van de invorderbare waarde, zijnde de geschatte toekomstige kasstromen verdisconteerd tegen de oorspronkelijke effectieve intrestvoet en gaat zij door met de afwikkeling van de disconteringsvoet als intrestopbrengsten. Intrestopbrengsten op in waarde verminderde leningen en vorderingen worden opgenomen volgens de oorspronkelijke effectieve intrestvoet. Dividendinkomsten Dividendinkomsten worden opgenomen wanneer het recht om betaling te ontvangen, vastgelegd is. Bijzondere waardeverminderingen op handelsvorderingen of contractactiva De Groep past IFRS 9 toe met betrekking tot de bijzondere waardeverminderingen op handelsvorderingen (zie Toelichting 1.10). De Groep heeft geen belangrijke contractsaldi waarbij ofwel de Groep de resultaatverplichting heeft uitgevoerd waarvoor nog geen facturering heeft plaatsgevonden, ofwel vooruitbetalingen heeft ontvangen waarvoor aan de resultaatverplichting niet is voldaan. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 173 Toelichting 1.22. Leases De Groep leaset bepaalde materiële vaste activa. IFRS 16 ‘Leases’ (van kracht sinds 1 januari 2019). Vanaf 1 januari 2019 heeft de Groep haar boekhoudkundige principes gewijzigd om IFRS 16 te kunnen toepassen. IFRS 16 heeft IAS 17 ‘Leases’ vervangen en dit betekent een verregaande wijziging in de boekhoudkundige verwerking door leasingnemers in het bijzonder. Onder IAS 17 moesten leasingnemers een onderscheid maken tussen een lease (balans) en een operationele lease (buitenbalans). IFRS 16 vereist van leasingnemers dat ze een leaseverplichting opnemen die toekomstige lease- betalingen weerspiegelen en een actief met gebruiksrecht voor vrijwel alle leasecontracten. Onder IFRS 16 is of bevat een contract een lease wanneer het contract het recht verleent om het gebruik van een geïdentificeerd actief te gebruiken gedurende een tijdsperiode in ruil voor een vergoeding. Onder de IFRS 16 toepassingsmethode die door de Groep is gekozen (gewijzigde retrospectieve benadering) worden vorige jaren niet herwerkt om in overeenstemming te zijn met de nieuwe principes. Vandaar dat de Groep ervoor heeft gekozen om het actief met gebruiksrecht te waarderen tegen een bedrag dat gelijk is aan de leaseverplichting bij opening (geen voorafbetaalde of opgebouwde leasinguitgaven). Bijgevolg worden de wijzigingen in de winst, de activa en de passiva en de kasstromen tegenover vorig jaar beïnvloed door de nieuwe grondslagen. De nieuwe boekhoudkundige norm mondt uit in het feit dat vrijwel alle leasings op de balans worden opgenomen (behalve voor activa met een lage waarde of leases met een leasingtermijn van 12 maanden of minder die in de resultatenrekening worden opgenomen). Onder de nieuwe norm worden een actief (het actief met gebruiksrecht) en een verplichting om leasebetalingen te verrichten (de leaseverplichting) opgenomen. Het gebruiksrecht van de geleasede activa wordt geactiveerd onder materiële vaste activa en omvat de netto contante waarde van de leasing. De overeenkomstige leaseverplichting is opgedeeld in kortlopende (leasebetaling binnen 12 maanden) en een langlopende verplichtingen. Voor elk leasecontract is op de toepassingsdatum een schatting gemaakt van de termijn van de overeenkomst, inclusief een optionele leasetermijn voor het geval dat er redelijke zekerheid bestaat dat de optie zou worden verlengd. De leasetermijnen blijven ongewijzigd, tenzij een belangrijke gebeurtenis of een belangrijke wijziging in de omstandigheden waarover de leasingnemer zeggenschap heeft, de duur van de leaseovereenkomst heeft beïnvloed. In dat geval zal de leasetermijn opnieuw worden beoordeeld. De Groep heeft er ook voor gekozen om niet opnieuw te beoordelen of een contract een leaseovereenkomst is of bevat op de datum van de eerste toepassing. In plaats daarvan heeft de Groep voor overeenkomsten die vóór de overgangsdatum zijn aangegaan, vertrouwd op de beoordelingen die ze heeft gemaakt bij de toepassing van IAS 17 en Interpretatie 4 Vaststelling of een overeenkomst een leaseovereenkomst bevat. Op de aanvangsdatum van een leaseovereenkomst nemen leasingnemers een leaseverplichting (d.w.z. een verplichting om leasebetalingen te verrichten) en een recht-op-gebruik actief (d.w.z. een actief dat het recht vertegenwoordigt om het onderliggende actief gedurende de leasetermijn te gebruiken) op. De leaseverplichtingen worden opgenomen tegen de contante prijs van de resterende leasebetalingen. Het recht-op-gebruik actief wordt afgeschreven over de termijn van de leaseovereenkomst. De intrestuitgaven worden opgenomen in de leaseverplichting. De leaseverplichting wordt geherwaardeerd wanneer zich bepaalde gebeurtenissen voordoen (bijvoorbeeld een wijziging in de leasetermijn of een wijziging in toekomstige leasebetalingen als gevolg van een wijziging in de index). Dergelijke herwaarderingen van de leaseverplichting zullen over het algemeen worden opgenomen als een aanpassing van het recht-op-gebruik actief. De Groep past vrijstellingen voor de opname van leaseovereenkomsten toe voor kortlopende leaseovereenkomsten en leaseovereenkomsten waarvan het onderliggende actief van lage waarde is. De Groep kiest ervoor om, per klasse van onderliggende activa, de niet-leasecomponenten niet te scheiden van leasecomponenten en in plaats daarvan elke leasecomponent en elke bijbehorende niet- leasecomponent op te nemen als één enkele leasecomponent. Wat de financieringsovereenkomsten van de Groep betreft, voorziet de documentatie in een neutralisatie van de wijzigingen in boekhoudkundige normen. Als dusdanig heeft de toepassing van IFRS 16 geen gevolgen voor de financiering van de Groep. We zullen de Schuldgraad blijven berekenen in overeenstemming met de definitie in onze financieringsovereenkomst. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 174 Toelichting 1.23. Dividenduitkering Dividendenuitkeringen aan de aandeelhouders van de Vennootschap worden in de jaarrekening van de Groep opgenomen als een verplichting in de periode waarin de dividenden door de aandeelhouders van de Vennootschap zijn goedgekeurd. Toelichting 1.24. Kasstroomoverzicht De kasstromen van de Groep worden gepresenteerd volgens de indirecte methode. Deze methode splitst de bewegingen op in kasmiddelen voor de verslagperiode door de nettowinst voor het jaar te corrigeren voor alle niet- kaskosten en veranderingen in het bedrijfskapitaal en door investerings- en financieringskasstromen te identificeren voor de verslagperiode. Toelichting 1.25. Non-GAAP-maatstaven De volgende alternatieve resultaatmaatstaven (niet-IFRS) werden gebruikt aangezien het management van mening is dat ze vaak door bepaalde investeerders, effectenanalisten en andere geïnteresseerde partijen worden gebruikt als aanvullende maatstaven voor de prestaties en de liquiditeit. De alternatieve resultaatmaatstaven zijn mogelijk niet vergelijkbaar met maatstaven met vergelijkbare namen van andere ondernemingen, kunnen als analytische hulpmiddelen beperkingen hebben en mogen niet autonoom in aanmerking worden genomen of worden gebruikt als vervanging voor een analyse van onze bedrijfs- resultaten, onze prestaties of onze liquiditeit onder IFRS. Organische Groei wordt gedefinieerd als groei zonder (i) wisselkoerseffect, wat de omrekening van belangrijke buitenlandse entiteiten omvat en (ii) M&A-impact. Gecorrigeerde winst per aandeel wordt gedefinieerd als winst/(verlies) over de periode gecorrigeerd voor (i) het effect van de toewijzing van de aankoopprijs voornamelijk op voorraadwijzigingen, (ii) winsten op afstotingen van activa, (iii) integratie- en herstructureringskosten, (iv) niet- recurrente financieringskosten en (v) niet-recurrente belastingeffecten, gedeeld door het aantal aandelen van Belysse Group NV. Gecorrigeerde EBITDA wordt gedefinieerd als bedrijfswinst/(-verlies) gecorrigeerd voor (i) het effect van de toewijzing van de aankoopprijs vooral op voorraadwijzigingen, (ii) winsten op afgestoten activa, (iii) integratie- en herstructureringskosten, (iv) waardeverminderingen en afschrijvingen en (v) bijzondere waardeverminderingen en afboekingen. Gecorrigeerde EBITDA-marge wordt gedefinieerd als de Gecorrigeerde EBITDA als percentage van de omzet. Gecorrigeerde bedrijfswinst/-verlies wordt gedefinieerd als bedrijfswinst/(-verlies) gecorrigeerd voor (i) het effect van de toewijzing van de aankoopprijs vooral op voorraadwijzigingen, (ii) winsten op afgestoten activa, (iii) integratie- en herstructureringskosten en (iv) bijzondere waardeverminderingen en afboekingen. Brutoschuld wordt gedefinieerd als (i) Term Facility aangepast voor de financieringskosten opgenomen in de boekwaarde, (ii) Notes die in 2030 vervallen en (iii) bank- en andere leningen aangepast voor geactiveerde financieringskosten. Nettoschuld wordt gedefinieerd zoals in de vorige periode als (i) Termijnlening, (ii) Notes die in 2030 vervallen, (iii) bank- en andere leningen (en waar genoteerd verplichten volgens IFRS 16), met aftrek van (iv) liquide middelen. Netto-investering of netto-investeringsuitgaven worden gedefinieerd als de som van alle investeringen in materiële en immateriële vaste activa, aangepast voor de opbrengsten van de verkoop van vaste activa. Schuldgraad (Leverage) wordt gedefinieerd als de verhouding tussen Nettoschuld en Gecorrigeerde EBITDA (beide exclusief de impact van IFRS 16 volgens de vorige rapportering, met uitzondering van sale-en-lease-back- transacties). Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 175 Toelichting 2. Kritische boekhoudkundige schattingen en beoordelingen Voor de bedragen die in de jaarrekening worden gepresenteerd, worden schattingen en aannames over de toekomst gebruikt. Schattingen en beoordelingen worden voortdurend geëvalueerd en zijn gebaseerd op ervaringen uit het verleden en andere factoren, waaronder verwachte toekomstige gebeurtenissen waarvan het onder de huidige omstandigheden waarschijnlijk is dat ze zich zullen voordoen. De schattingen en aannames zullen zelden gelijk zijn aan de betreffende daadwerkelijke resultaten. De schattingen en aannames die een impact zouden kunnen hebben op de jaarrekening worden hieronder besproken. Goodwill Het bedrag van de goodwill dat aanvankelijk opgenomen is als een resultaat van een bedrijfscombinatie is afhankelijk van de toewijzing van de aankoopprijs aan de reële waarde van de verworven identificeerbare activa en de aangegane verplichtingen. De bepaling van de reële waarde van de activa en verplichtingen is grotendeels gebaseerd op het oordeel van het management. De toewijzing van de aankoopprijs heeft een impact op de resultaten van de Groep aangezien immateriële vaste activa met een eindige levensduur worden afgeschreven, terwijl immateriële vaste activa met een onbepaalde levensduur, met inbegrip van goodwill, niet worden afgeschreven en zouden kunnen resulteren in verschillende afschrijvingskosten op basis van de toewijzing aan immateriële vaste activa met een onbepaalde en een eindige levensduur. Impairment testing IFRS vereist van het management dat het de bijzondere waardeverminderingen van activa met een onbepaalde levensduur jaarlijks toetst en dat het bijzondere waardeverminderingen van activa met een eindige levensduur toetst wanneer gebeurtenissen of wijzigingen in omstandigheden aangeven dat de boekwaarde van een actief mogelijk niet recupereerbaar is. Een impairment test is een onderdeel waarvoor het oordeel van het management van belang is. Het management onderzoekt of de boekwaarde van de activa ondersteund kan worden door de netto contante waarde van toekomstige kasstromen afgeleid van activa die zulke kasstroomvoorspellingen gebruiken waarbij de toekomstige kasstromen verdisconteerd zijn tegen een aangepast tarief. Bij het berekenen van de netto contante waarde van de toekomstige kasstromen moeten er bepaalde aannames in acht worden genomen met betrekking tot onzekere situaties inclusief de verwachtingen van het management in verband met: • groei in Gecorrigeerde EBITDA, berekend als gecorrigeerde bedrijfswinst/(-verlies) voor afschrijvings- en waardeverminderingskosten; • tijdsplanning en hoogte van toekomstige investeringen; • groeipercentages op lange termijn; en • de selectie van disconteringsvoeten om de betrokken risico’s te weerspiegelen. Het wijzigen van de aannames die geselecteerd zijn door het management, in het bijzonder voor de disconteringsvoet en de aannames inzake groeipercentage die gebruikt worden in de kasstroomvoorspellingen, zouden een aanzienlijke impact kunnen hebben op de impairment test en dus ook op de resultaten van de Groep. De evaluatie van de Groep omvat de belangrijke aannames met betrekking tot gevoeligheid in de kasstroomvoorspellingen. Verdere details zijn terug te vinden in Toelichting 5. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 176 Inkomstenbelastingen De Groep is actief in diverse fiscale rechtsgebieden en moet daarom belastingposities bepalen onder de respectieve lokale belastingwetten en standpunten van belastingautoriteiten die complex en onderhevig kunnen zijn aan verschillende interpretaties van belastingbetalers en lokale belastingautoriteiten. De Groep maakt centraal kosten die toegewezen worden aan dochterondernemingen in verschillende rechtsgebieden en die de Groep blootstellen aan inherente belastingrisico’s, zoals het geval is voor alle ondernemingen die in een internationale context actief zijn. Op basis van deze belastingrisico’s heeft het management een gedetailleerde beoordeling uitgevoerd voor onzekere belastingposities, wat heeft geresulteerd in voor deze onzekerheden opgenomen voorzieningen, in overeenstemming met IFRIC 23. IFRIC 23 ‘Onzekerheid over fiscale behandelingen van inkomsten’ (van kracht sinds 1 januari 2019). Deze interpretatie verduidelijkt de boekhoudkundige verwerking voor onzekerheden inzake inkomstenbelastingen. De interpretatie moet worden toegepast op de bepaling van de belastbare winst (het belastbare verlies), belastbare basis, niet-gecompenseerde fiscale verliezen, ongebruikte belastingkredieten en belastingvoeten, wanneer er onzekerheid bestaat over het feit of de belasting opgenomen door een Groep aanvaard zal worden door de belastingautoriteit. Ze wordt toegepast op zowel verschuldigde als uitgestelde belastingen wanneer er onzekerheid bestaat over de belastingpositie van een Groep. De Groep heeft een gedetailleerde inschatting gemaakt van alle belastingonzekerheden binnen de Groep die de volgende implicaties hebben voor de boekhoudkundige principes: a. De Groep heeft beslist of haar onzekere belastingposities individueel of gezamenlijk in aanmerking moeten worden genomen, gebaseerd op welke benadering de beste voorspellingen verschafte van het oplossen van de onzekerheden met de belastingautoriteit; b. De Groep is ervan uitgegaan dat de belastingautoriteit de positie zal onderzoeken (indien ze gemachtigd is dit te doen) en volledige kennis zal hebben van alle relevante informatie; c. De Groep heeft geval per geval beslist om een onzekere belastingpositie (groep van onzekere belastingposities) op te nemen gebruik makend van ofwel het meest waarschijnlijke bedrag of de verwachte waarde afhankelijk van wat gedacht wordt een betere voorspelling op te leveren voor het oplossen van elke (groep van) onzekere belastingpositie(s) om de waarschijnlijkheid van een aanpassing uitgevoerd na onderzoek te weerspiegelen. De totale IFRIC 23-voorziening bedraagt € 2,9 miljoen voor 2024 in vergelijking met € 4,5 miljoen vorig jaar. De Groep heeft belastingkredieten met betrekking tot overgedragen verliezen en DBI-aftrek (definitief belaste inkomsten, vrijstellingsregeling voor dividenduitkeringen door kwalificerende EU-dochterondernemingen aan kwalificerende EU-moedermaatschappijen om dubbele belastingheffing op dividendinkomsten te vermijden). Deze belastingkredieten kunnen gebruikt worden om toekomstige belastbare winsten te compenseren. De waardering van dit actief hangt af van een aantal oordeelkundige aannames met betrekking tot de toekomstige belastbare winsten van verschillende dochterondernemingen van de Groep in verschillende rechtsgebieden en van het resultaat van fiscale planningsstrategieën. Deze schattingen zijn voorzichtig gemaakt, rekening houdend met de huidige kennis en met redelijke langetermijnvoorspellingen. Indien de omstandigheden wijzigen en het uiteindelijke fiscale resultaat verschillend zou zijn van de bedragen die aanvankelijk waren opgenomen, zullen dergelijke verschillen een impact hebben op de inkomstenbelasting en voorzieningen voor uitgestelde belastingen in de periode waarin die vaststelling wordt gedaan. Handelsvorderingen Bij de toepassing van IFRS 9 maakt de Groep belangrijke schattingen voor het bepalen van de realiseerbare waarde met betrekking tot handelsvorderingen. De Groep past de vereenvoudigde benadering van IFRS 9 toe bij de waardering van verwachte kredietverliezen op basis van de verwachte kredietverliezen over de volledige levensduur van alle handelsvorderingen. Om de verwachte kredietverliezen over de volledige levensduur te meten, heeft de Groep een voorzieningenmatrix opgesteld. De Groep heeft de volgende parameters opgenomen: kans op wanbetaling en blootstelling bij wanbetaling (inclusief de verwachte terugbetaling van de kredietverzekering). Om deze parameters te benaderen, werden de handelsvorderingen ingedeeld op basis van gemeenschappelijke kenmerken (voornamelijk geografische regio, type klant en de achterstallige dagen). De voorzieningenmatrix is gebaseerd op de voorspelde wanbetalingspercentages die zijn gepubliceerd door Moody’s, en is aangepast met schaalfactoren om verschillen te weerspiegelen in de visie van de Groep op de huidige en voorspelde economische omstandigheden en de historische omstandigheden. Naast deze algemene aanpak neemt de Groep ook geval per geval individueel beheerde blootstellingen op, wanneer deze niet door het ECL-model worden gedekt. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 177 Klantenkortingen De Groep moet ook een aantal schattingen maken bij het bepalen van overlopende posten voor klantenkortingen zoals voorgesteld in de balans onder ‘Overige schulden’. Bij haar ramingen van de verschuldigde kortingen gebruikt de Groep alle beschikbare informatie, waaronder historische en voorspellende resultaten, rekening houdend met het type klant, het type transactie en de specifieke kenmerken van elke transactie. Zie Toelichting 1.21 ‘Opname en erkenning van opbrengsten’. Materiële vaste activa De Groep moet ook een aantal schattingen maken bij het bepalen van de gebruiksduur van de immateriële en materiële vaste activa. We verwijzen naar Toelichting 1.4 waar we een overzicht geven van de geschatte gebruiksduur per activacategorie. De nuttige levensduur van activa worden herzien en waar nodig aangepast op het einde van de verslagperiode. Leases Bij het toepassen van IFRS 16 maakt de Groep een aantal inschattingen met betrekking tot de leasetermijnen. Voor elk leasecontract is op de toepassingsdatum een schatting gemaakt van de termijn van de overeenkomst, inclusief een optionele leasetermijn voor het geval dat er redelijke zekerheid bestaat dat de optie zou worden verlengd. De leasetermijnen blijven ongewijzigd, tenzij een belangrijke wijziging in de omstandigheden waarover de leasingnemer zeggenschap heeft, de duur van de leaseovereenkomst heeft beïnvloed. In dat geval zal de leasetermijn opnieuw worden beoordeeld. We verwijzen naar Toelichting 1.22. Toelichting 3. Afstemming van non-GAAP- maatstaven De onderstaande tabel toont de impact van de eenmalige posten op het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten van de periode en geeft een afstemming weer tussen de gerapporteerde informatie en de non-GAAP-maatstaven, zoals gepresenteerd in deze jaarrekening. (In duizend €) 2024 2023 Omzet 280.381 300.918 Kostprijs grondstoffen (109.418) (124.174) Voorraadwijzigingen (424) (11.018) Personeelskosten (76.532) (76.021) Overige inkomsten 891 929 Overige kosten (52.459) (56.956) 1Gecorrigeerde EBITDA42.440 33.678 Afschrijvingen / (19.582) (19.890) waardeverminderingen Gecorrigeerd 22.857 13.788 1bedrijfsresultaatIntegratie- en 133 (3.069) herstructureringskosten Bedrijfswinst / (-verlies) 22.990 10.718 Financiële opbrengsten 14.199 367 Financiële kosten (24.288) (18.795) Netto financiële kosten (10.089) (18.428) Winst / (verlies) vóór 12.901 (7.710) belastingen Belastingopbrengsten / (2.328) (3.386) (-uitgaven) Winst / (verlies) over de 10.573 (11.095) periode 1 Gecorrigeerd bedrijfsresultaat en Gecorrigeerde EBITDA zijn non-GAAP-maatstaven zoals gedefinieerd in Toelichting 1.25. De netto-impact van eenmalige posten op het nettoresultaat van 2024 was positief ten belope van € 0,1 miljoen (€ 0,00 per aandeel) vergeleken een negatieve impact van € 3,1 miljoen (€ 0,09 per aandeel) in 2023. De baten in 2024 zijn voornamelijk gedreven door een actualisering van strategische advieskosten, gedeeltelijk gecompenseerd door eenmalige kosten gerelateerd aan de uitvoering van een vaste kostenreductieprogramma in Europa. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 178 Toelichting 4. Segmentrapportage Segmentinformatie wordt gepresenteerd met betrekking tot de bedrijfssegmenten van de Groep, zoals eerder gedefinieerd. We verwijzen naar Toelichting 1.2 voor meer informatie over het EU- en VS-segment. De prestaties van de segmenten worden beoordeeld door het belangrijkste operationele besluitvormingsorgaan van de Groep, het Managementcomité. (In duizend €) 2024 2023 Omzet per segment 280.381 300.918 Europa 125.854 140.089 VS 154.527 160.829 Omzet per geografie 280.381 300.918 Europa 108.067 118.038 Noord-Amerika 157.488 164.590 Rest van de wereld 14.826 18.289 Gecorrigeerde EBITDA per 42.440 33.678 1segment Europa 10.396 3.043 VS 32.044 30.635 Netto-investering per 10.200 11.790 segment Europa 6.461 7.175 VS 3.739 4.615 Nettovoorraad per segment 49.608 52.257 Europa 29.403 30.927 VS 20.205 21.330 Handelsvorderingen per 16.507 21.799 segment Europa 4.474 6.503 VS 12.033 15.296 1 Gecorrigeerd bedrijfsresultaat en Gecorrigeerde EBITDA zijn non-GAAP-maatstaven zoals gedefinieerd in Toelichting 1.25. Gezien de internationale verkoopvoetafdruk van de Groep wordt 98% van de omzet gerealiseerd buiten België, wat neerkomt op een omzet in België van ongeveer € 4,8 miljoen in 2024 (2023: € 6,2 miljoen). De volledige omzet in de bovenstaande tabel weerspiegelt de omzet met betrekking tot contracten met klanten, opgenomen in overeenstemming met IFRS 15. De Groep heeft deze omzet opgenomen op een moment in de tijd (point in time), in overeenstemming met de boekhoudkundige principes zoals vermeld in Toelichting 1.21. We hebben geen klanten die meer dan 10% vertegenwoordigen van de totale verkoop. Toelichting 5. Goodwill De goodwill omvat onder andere de waarde van langlopende klantenrelaties, de marktpositie van de Groep, merk en reputatie, alsook de waarde van het personeelsbestand van de Groep. De impairment test op goodwill wordt uitgevoerd op het niveau van de kasstroom-genererende eenheid of een groep van kasstroom-genererende eenheden, dat het laagste niveau is waarop goodwill wordt opgevolgd voor interne managementdoeleinden. Onze kasstroom-genererende eenheden zijn in lijn met onze segmenten. Na de desinvestering zijn er 2 geografische segmenten, Europa en de VS. In de VS is er één kasstroom-genererende eenheid. Ook in Europa moeten alle activa worden gegroepeerd om de kleinste groep activa te identificeren die een instroom van kasmiddelen genereren welke onafhankelijk is van de instroom van kasmiddelen van andere activa, aangezien de twee productiefabrieken operationeel volledig met elkaar verbonden zijn om tegels en kamerbreed tapijt te produceren voor zowel residential als commercial bedrijven. Beslissingen over de toewijzing van middelen en kapitaaluitgaven aan beide Europese productiesites worden genomen voor het bedrijf als geheel. Het Europese managementniveau is volledig gecentraliseerd en omvat de volgende hoofdfuncties: productie, inkoop, HR, productontwikkeling, toeleveringsketen en financiën. Er is één sleutelmanager verantwoordelijk voor beide fabrieken in Europa en het is onmogelijk om activa te splitsen om ze afzonderlijk toe te wijzen aan de residential en commercial activiteiten omdat ze volledig zijn opgenomen. Ten behoeve van de impairment test wordt goodwill verworven in een bedrijfscombinatie toegewezen aan de kasstroom-genererende eenheden waarvan verwacht wordt dat ze het meest voordeel halen uit de bedrijfscombinatie. Bijgevolg bedraagt de goodwill die voortvloeit uit de overname van Balta Finance en na de afschrijving van de goodwill op onze in 2022 verkochte Rugs-activiteit (€ 94,3 miljoen) € 107,7 miljoen en werd hij toegewezen aan Europa (€ 30,4 miljoen), terwijl de goodwill die voortvloeit uit de overname van Bentley werd toegerekend aan de VS (€ 77,3 miljoen). De impairment test werd uitgevoerd op 31 december 2024. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 179 Gebaseerd op de vergelijking van de ‘gebruikswaarde’ (afgeleid m.b.v. de ‘discounted cash flow’-analyse) en de boekwaarde (boekwaarde van het aangewende kapitaal) per kasstroom- genererende eenheid op 31 december 2024, heeft de Groep kunnen aantonen dat het invorderbaar bedrag meer bedraagt dan de boekwaarde en zodoende is de goodwill niet afgewaardeerd. De berekeningen van de ‘gebruikswaarde’ maken gebruik van kasstroomvoorspellingen gebruikt (die EBITDA, bewegingen inzake werkkapitaal, investeringen en belastingen omvatten) en zijn gebaseerd op financiële voorspellingen voor een periode van vijf jaar. Schattingen die verder gaan dan deze periode van vijf jaar worden berekend met een groeipercentage dat de langetermijn- groei weerspiegelt die van toepassing is op de kasstroom- genererende eenheid, in lijn met wat het management denkt over de langetermijnwinst over de hele cyclus. Belangrijke aannames waarop het management zich heeft gebaseerd om de ‘gebruikswaarde’ te bepalen omvatten groeipercentages van 1% voor Europa en 2% voor de VS (2023: respectievelijk 1% en 2%) en een disconteringsvoet na belasting van 10,2% (2023: 9,9%). De ‘gebruikswaarde’ is voornamelijk gebaseerd op de eindwaarde, die bijzonder gevoelig is voor wijzigingen in de veronderstelling over het groeipercentage en de disconteringsvoet. Disconteringsvoeten zijn gebaseerd op de gewogen gemiddelde kapitaalkost. Deze gewogen gemiddelde kapitaalkost wordt vergeleken met vergelijkbare concurrenten. Bij de groeipercentages van de eindwaarde wordt rekening gehouden met externe macro-economische gegevensbronnen en industrie- specifieke tendensen. Onderstaande tabel omvat de kasstroom- genererende eenheden waaraan goodwill werd toegewezen en presenteert de waarde die deze twee aannames onafhankelijk moeten vertegenwoordigen om de ‘gebruikswaarde’ te verminderen tot de boekwaarde. Sensitiviteitsanalyse per kasstroom-Minimaal Maximaal genererende groeipercentage groeipercentage eenheid Europa (1,3)% 11,6% VS (25,4)% 20,1% Bewegingen ten opzichte van vorig jaar hebben uitsluitend betrekking op wisselkoerswijzigingen. Toelichting 6. Personeelskosten De volgende tabel geeft de personeelskosten weer voor de jaren afgesloten op 31 december 2024 en 2023: (In duizend €) 2024 2023 Totaal personeelskosten 76.532 76.021 Lonen en wedden 53.996 53.652 Sociale zekerheidskosten 11.534 11.390 Pensioenkosten 4.037 3.886 Overige personeelskosten 6.966 7.092 De personeelskosten stegen licht met € 0,5 miljoen, voornamelijk wegens de inflatie op de verschillende componenten van de loonkosten. Het gemiddelde aantal werknemers in 2024 en 2023 bedroeg respectievelijk 978 en 1.074 (beide in voltijdse equivalenten). Deeltijdse werknemers zijn op proportionele basis opgenomen. 2024 2023 Gemiddeld aantal totale 978 1.074 werknemers Gemiddeld aantal werknemers 671 741 arbeiders Gemiddeld aantal werknemers 307 333 bedienden Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 180 Toelichting 7. Overige inkomsten en kosten (In duizend €) 2024 2023 Overige inkomsten 891 929 Wisselkoerswinsten 105 36 Huuropbrengsten van zonne-267 431 energie-installaties op daken Subsidies 13 182 Winst op verkoop van vaste activa 119 - Overige 388 281 Overige kosten 52.459 56.956 Diensten en diverse goederen 32.205 34.792 Verkoopkosten 19.562 21.380 Wisselkoersverliezen 87 119 Belasting op onroerend goed 782 828 Overige (177) (164) Overige inkomsten bestaan grotendeels uit winst met betrekking tot wisselkoersen, huurgelden ontvangen van derden die de ruimte huren om zonnepanelen te installeren en winst op verkoop van vaste activa. De overige kosten daalden met € 4,5 miljoen naar € 52,5 miljoen voor het jaar eindigend op 31 december 2024, tegenover € 57,0 miljoen voor het jaar eindigend op 31 december 2023. De belangrijkste component van de overige kosten zijn diensten en diverse goederen, waaronder voornamelijk elektriciteit en gas, onderhoud en reparatie, en uitzendkrachten. Verkoopkosten omvatten voornamelijk vrachtkosten en commissies. De afname van de overige kosten heeft voornamelijk te maken met de daling van de energie- en transportkosten. De kosten voor onderzoek en ontwikkeling zijn ook opgenomen in 'Overige kosten'. De Groep maakte € 5,7 miljoen aan onderzoeks- en ontwikkelingskosten tijdens de 12 maanden eindigend op 31 december 2024 (2023: € 6,1 miljoen). Een van de competitieve voordelen van ons bedrijf is onze lange trackrecord van creativiteit en innovatie. De Groep streeft ernaar om via onderzoek en ontwikkeling de productiecapaciteit continu te optimaliseren en ontwerpen aan te bieden die onze klanten aanspreken. Trends in productontwikkeling en -innovatie worden van nabij opgevolgd door voortdurend te testen en te analyseren. Daarbij proberen we vooral in te spelen op de wensen van onze klanten en op ontwikkelingen in de markt. Toelichting 8. Afschrijvingen / waardeverminderingen Afschrijvingen en waardeverminderingen kunnen als volgt samengevat worden: (In duizend €) 2024 2023 Afschrijvingen / 19.582 19.890 waardeverminderingen Waardevermindering immateriële 1.679 1.711 activa Afschrijvingen vaste 17.903 18.179 activa Afschrijvingen / waardeverminderingen bedragen € 19,6 miljoen, een daling met € 0,3 miljoen ten opzichte van 2023. Toelichting 9. Integratie- en herstructureringskosten De totaal gemaakte integratie- en herstructureringskosten in 2024 bedragen € (0,1) miljoen (2023: € 3,1 miljoen). Dit omvat verschillende posten die door het management beschouwd worden als eenmalig of ongebruikelijk van aard. (In duizend €) 2024 2023 Integratie- en (133) 3.069 herstructureringskosten Strategische advieskosten (626) 1.993 Reorganisatie 493 1.077 Het voordeel in 2024 is voornamelijk het gevolg van een herberekening van de strategische advieskosten, gedeeltelijk gecompenseerd door eenmalige kosten in verband met de uitvoering van een programma voor het terugdringen van vaste kosten dat in Europa werd geïmplementeerd. De uitgave van 2023 werd voornamelijk gedreven door de eenmalige kosten gerelateerd aan het vaste kostenreductieprogramma dat in Europa werd uitgevoerd en aan strategische advieskosten. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 181 Toelichting 10. Financiële opbrengsten / kosten (In duizend €) 2024 2023 Financiële opbrengsten 14.199 367 Korting op afwikkeling Senior 13.387 - Secured Notes Overige financiële opbrengsten 453 367 Opbrengsten op termijndeposito's 256 - Wisselkoersresultaten op transacties 79 - binnen de Groep Wisselkoersresultaten op financiële 24 - transacties (In duizend €) 2024 2023 Totaal financiële kosten 24.288 18.795 Rentekosten op Term Facility 14.847 - Rentekosten op Senior Secured 1.247 15.177 Notes Rentekosten op leaseverplichtingen 1.689 1.781 Rentekosten op bankleningen 592 709 Wisselkoersresultaten op transacties - (106) binnen de Groep Niet-gerealiseerde 3.156 - wisselkoersresultaten op financiële transacties Wijzigingen in reële waarde van 1.547 - afgeleide financiële instrumenten Overige financieringskosten 1.209 1.235 De netto financieringskosten bedragen € 10,1 miljoen in 2024 en omvatten voornamelijk de rentekosten voor externe leningen (Term Facility, Senior Secured Notes, Super Senior Revolving Credit Facility en leaseverplichtingen). We verwijzen naar Toelichtingen 21 tot 24 voor een beschrijving van deze kredieten. Vergeleken met 2023 daalden de netto financieringskosten van € 18,4 miljoen naar € 10,1 miljoen in 2024, voornamelijk als gevolg van het totale effect van de afwikkeling in februari 2024 van de Senior Secured Notes die eind 2024 vervielen met een korting van € 13,4 miljoen, en de kosten van de financiële schuld en leases van Belysse, met inbegrip van € 1,5 miljoen reële waarde van het afgeleide financiële instrument (zie Toelichting 21) en € 3,2 miljoen niet-gerealiseerde wisselkoersverliezen op de schijf in USD van de nieuwe Term Facility. De overige financieringskosten hebben voornamelijk betrekking op kosten verbonden aan factoring, kosten voor niet- opgenomen kredieten en andere bank-gerelateerde kosten. De effectieve rentekosten voor de Term Facility omvatten € 7,4 miljoen contante rente, € 5,7 miljoen PIK-rente en € 1,7 miljoen waardevermindering van geactiveerde financierings- vergoedingen. Toelichting 11. Opbrengsten en kosten uit hoofde van belastingen (In duizend €) 2024 2023 Belastingopbrengsten / (2.328) (3.386) (-uitgaven) Verschuldigde belastingen (5.394) (3.290) Uitgestelde belastingen 3.065 (96) Belastingopbrengsten / (2.328) (3.386) (-uitgaven) Belasting berekend tegen Belgisch (3.225) 1.927 tarief (25%) Invloed van verschillende (288) (269) belastingtarieven van entiteiten in andere rechtsgebieden Niet-aftrekbare kosten (1.944) (2.174) Fiscale verliezen waarvoor geen - (3.007) uitgestelde belastingvordering was opgenomen Gebruik en opname van voorheen 3.018 - niet-opgenomen belastingvorderingen Overige 112 137 De Groep rapporteerde een belastinglast voor 2024 van € 2,3 miljoen (€ 3,4 miljoen voor 2023) op basis van een totale winst vóór belastingen van € 12,9 miljoen (verlies vóór belastingen van € 7,7 miljoen 2023). Dit bedrag is voornamelijk het gevolg van de belastingheffing over de winst van onze VS divisie en het gebruik van historische verliezen, voornamelijk in verband met de winst op de terugbetaling van de Senior Secured Notes. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 182 Toelichting 12. Andere immateriële vaste activa Intern Software en gegenereerde (In duizend €) Handelsmerken Totaal licenties immateriële vaste activa Opening nettoboekwaarde per 1 januari 2023 4.649 326 457 5432 Aanschaffingen - 1.332 - 1.332 Verkopen - - - - Overdrachten - 333 - 333 Afschrijvingen (1.056) (282) (374) (1.711) Wisselkoersverschillen (162) (13) - (174) Sluiting nettoboekwaarde per 31 december 2023 3.432 1.697 84 5.212 Kostprijs of reële waarde 10.559 2.793 3.085 16.437 Gecumuleerde afschrijvingen, bijzondere (7.127) (1.096) (3.002) (11.225) waardeverminderingen en overige aanpassingen Sluiting nettoboekwaarde per 31 december 2023 3.432 1.697 84 5.212 Opening nettoboekwaarde per 1 januari 2024 3.432 1.697 84 5.212 Aanschaffingen - 915 - 915 Verkopen - - - - Overdrachten - 68 - 68 Afschrijvingen (1.117) (478) (84) (1.679) Wisselkoersverschillen 212 (29) - 183 Sluiting nettoboekwaarde per 31 december 2024 2.527 2.171 - 4.698 Kostprijs of reële waarde 11.230 3.656 3.085 17.972 Gecumuleerde afschrijvingen, bijzondere (8.704) (1.485) (3.085) (13.274) waardeverminderingen en overige aanpassingen Sluiting nettoboekwaarde per 31 december 2024 2.527 2.171 - 4.698 Het handelsmerk van € 2,5 miljoen heeft betrekking op de overname van Bentley. De totale afschrijvingen van € 1,7 miljoen (2023: € 1,7 miljoen) zijn opgenomen op de regel ‘Afschrijvingen en waardeverminderingen’ van de resultatenrekening. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 183 Toelichting 13. Materiële vaste activa Installaties, Terreinen en Overige (In duizend €) machines en Totaal gebouwen apparatuur uitrusting Opening nettoboekwaarde per 1 januari 2023 51.245 50.025 6.908 108.178 Aanschaffingen 200 6.377 5.931 12.509 Verkopen - (82) (50) (131) Overdrachten 301 911 (1.546) (333) Afschrijvingskosten (5.952) (7.223) (5.005) (18.179) Wisselkoersverschillen (832) (267) (149) (1.247) Sluiting nettoboekwaarde per 31 december 2023 44.963 49.742 6.090 100.795 Kostprijs of reële waarde 89.660 166.322 14.372 270.354 Gecumuleerde afschrijvingen, bijzondere (44.697) (116.580) (8.282) (169.559) waardeverminderingen en overige aanpassingen Sluiting nettoboekwaarde per 31 december 2023 44.963 49.742 6.090 100.795 Opening nettoboekwaarde per 1 januari 2024 44.963 49.742 6.090 100.795 Aanschaffingen 2.591 7.154 5.254 14.999 Verkopen - (13) (28) (41) Overdrachten - 550 (617) (68) Afschrijvingskosten (6.148) (6.532) (5.223) (17.903) Wisselkoersverschillen 764 925 145 1.834 Sluiting nettoboekwaarde per 31 december 2024 42.170 51.825 5.620 99.615 Kostprijs of reële waarde 90.441 171.682 13.278 275.402 Gecumuleerde afschrijvingen, bijzondere (48.272) (119.857) (7.658) (175.787) waardeverminderingen en overige aanpassingen Sluiting nettoboekwaarde per 31 december 2024 42.170 51.825 5.620 99.615 In 2024 werd in totaal € 15,0 miljoen toegevoegd (2023: € 12.5 miljoen). De belangrijkste investeringen in 2024 waren in installaties en machines. De totale afschrijvingskosten van € 17,9 miljoen (2023: € 18.2 miljoen) werden opgenomen in 'Afschrijvingen en waardeverminderingen' van de resultatenrekening. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 184 Recht-op-gebruik (In duizend €) Eigen PP&E Totaal PP&E activa Per 31 december 2023 46.473 54.322 100.795 Aanschaffingen 4.613 10.386 14.999 Verkopen 940 (981) (41) Afschrijvingen (8.318) (9.586) (17.903) Overdrachten - (68) (68) Wisselkoerseffect 1.084 750 1.834 Per 31 december 2024 44.793 54.822 99.616 (In duizend €) 2024 2023 Recht-op-gebruik activa – Terreinen en gebouwen 38.516 41.407 Kosten – Gekapitaliseerde leasings 80.972 80.595 Gecumuleerde afschrijvingen (42.457) (39.188) Recht-op-gebruik activa – Installaties, machines en uitrusting 6.277 5.066 Kosten – Gekapitaliseerde leasings 11.896 9.246 Gecumuleerde afschrijvingen (5.619) (4.180) Recht-op-gebruik activa – Totaal geleasede terreinen, gebouwen en uitrusting 44.793 46.473 Kosten – Gekapitaliseerde leasings 92.868 89.841 Gecumuleerde afschrijvingen (48.075) (43.368) De activa van de Groep die in onderpand gegeven zijn als waarborg voor de leningen worden beschreven in Toelichtingen 21 tot 23. Op een van de Europese productielocaties is een bodemverontreiniging geconstateerd. In de loop van 2024 werd een gedetailleerd onderzoek naar bodemverontreiniging beëindigd en werd het beschrijvende bodemonderzoek voltooid. Het kwam tot de conclusie dat de Vennootschap gedeeltelijk verantwoordelijk is voor de verontreiniging en dat de bodem moet worden gesaneerd. Een bodemsaneringsproject moet worden opgemaakt. Het onderzoek van het grondwater is echter nog niet voltooid. Als onderdeel van verder onderzoek, risicoanalyse en grondwatermodellering kan worden geconcludeerd dat er geen sanering vereist is of dat er een saneringsplan moet worden overeengekomen inclusief O&M-kosten van de waterzuiveringseenheid en extra kosten voor brongebied en sediment. Afhankelijk van de bron van de vervuiling kan mogelijks worden aangetoond dat de Vennootschap niet verantwoordelijk is voor dit historische geval. Op basis van deze beoordeling heeft het management geconcludeerd dat het bedrag van de verplichting niet met voldoende betrouwbaarheid kan worden bepaald en is de bron, degene die dus de verantwoordelijkheid draagt, onbekend. In overeenstemming met IAS 37 heeft het management geconcludeerd dat dit een voorwaardelijke verplichting is die moet worden vermeld. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 185 Toelichting 14. Uitgestelde belastingvorderingen en -schulden IFRS vereist dat uitgestelde belastingen voor elk rechtsgebied voorgesteld worden als een netto-vordering of -schuld. Het verrekenen van uitgestelde belastingschulden van één rechtsgebied met de uitgestelde belastingvorderingen van een ander rechtsgebied is niet toegestaan. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de netto uitgestelde belastingpositie in overeenstemming met deze presentatieprincipes. (In duizend €) 2024 2023 Totaal uitgestelde belastingvorderingen 1.372 426 Uitgestelde belastingvorderingen te gebruiken na meer dan 12 maanden 1.269 394 Uitgestelde belastingvorderingen te gebruiken binnen 12 maanden 103 32 Totaal uitgestelde belastingschulden (3.842) (5.814) Uitgestelde belastingschulden te gebruiken na meer dan 12 maanden (3.413) (5.166) Uitgestelde belastingschulden te gebruiken binnen 12 maanden (429) (649) Netto uitgestelde belastingschulden (2.470) (5.388) De beweging in de netto uitgestelde belastingposities kan als volgt worden samengevat: (In duizend €) 2024 2023 Per 1 Januari (5.388) (5.526) Wisselkoersverschillen (57) 26 Overige niet-gerealiseerde resultaten 123 (40) Winst- en verliesrekening 2.851 153 Per 31 december (2.470) (5.388) In tegenstelling tot de bovenstaande tabel toont de onderstaande tabel de bruto-bewegingen van de uitgestelde belastingen, m.a.w. zonder de uitgestelde belastingschulden en uitgestelde belastingvorderingen binnen hetzelfde rechtsgebied met elkaar te verrekenen. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 186 Uitgestelde belastingvorderingen Overge-Imma-dragen teriële Personeels-Voor-(In duizend €) Leningen Voorraden Overig Totaal fiscale vaste beloningen zieningen verliezen activa Per 1 januari 2023 4.032 - - 33 984 1.692 1.344 8.084 (Ten laste)/ten gunste 1.162 - - 42 (542) (152) (259) 251 van de winst- en verliesrekening gebrachtWisselkoersverschillen - - - - (12) (43) - (55) Overige niet-- - - (40) - - - (40) gerealiseerde resultaten Per 31 december 5.194 - - 34 429 1.497 1.084 8.239 2023Per 1 januari 2024 5.194 - - 34 429 1.497 1.084 8.239 (Ten laste)/ten gunste 271 (390) 387 (7) 378 418 41 1.096 van de winst- en verliesrekening gebrachtWisselkoersverschillen - - - - (92) (222) - (315) Overige niet-- - - 123 - - - 123 gerealiseerde resultaten Per 31 december 5.465 (390) 387 151 715 1.693 1.125 9.144 2024 Bij het beoordelen van de realiseerbaarheid van uitgestelde belastingvorderingen neemt het management in overweging in hoeverre het waarschijnlijk is dat de uitgestelde belastingvordering zal worden gerealiseerd. De uiteindelijke realisatie van uitgestelde belastingvorderingen is afhankelijk van het genereren van toekomstige belastbare winsten in de periodes waarin deze tijdelijke verschillen en overdraagbare verliezen aftrekbaar worden. Het management houdt bij deze beoordeling rekening met de verwachte terugboeking van uitgestelde belasting- verplichtingen en het verwachte toekomstige belastbare inkomen. Op basis van het niveau van het historische belastbare inkomen en prognoses van het toekomstige belastbare inkomen over de periodes waarin de uitgestelde belastingvorderingen aftrekbaar zijn, is het management van mening dat het waarschijnlijk is dat de Groep de voordelen van deze aftrekbare verschillen zal realiseren. Per 31 december 2024 heeft de Groep bepaalde fiscale verliezen die onderhevig zijn aan aanzienlijke beperkingen. Voor deze verliezen worden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen, aangezien het niet waarschijnlijk is dat er winsten zullen worden gegenereerd om deze verliezen te compenseren. Onzekere belastingposities, zoals beschreven in Toelichting 2, worden in aanmerking genomen bij het opnemen van uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen. Per 31 december 2024 bedroegen de totale belastingkredieten € 433,2 miljoen, wat resulteerde in een potentiële uitgestelde belastingvordering van € 108,3 miljoen, waarvan we slechts € 5,5 miljoen hebben opgenomen eind 2024. Het grootste deel van de belastingkredieten zit op het niveau van de entiteiten van de Groep in België, waar er geen vervaldatum is met betrekking tot belastingkredieten. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 187 Uitgestelde belastingschulden Materiële Immateriële (In duizend €) Voorraden Overige Totaal vaste activa vaste activa Per 1 januari 2023 (12.220) (503) (775) (111) (13.610) (Ten laste)/ten gunste van de winst- en (50) 686 229 (963) (98) verliesrekening gebrachtWisselkoersverschillen 102 (5) - (16) 81 Per 31 december 2023 (12.168) 178 (546) (1.091) (13.627) Per 1 januari 2024 (12.168) 178 (546) (1.091) (13.627) (Ten laste)/ten gunste van de winst- en (347) 1.146 (117) 1.073 1.755 verliesrekening gebracht Wisselkoersverschillen 473 (107) - (109) 258 Per 31 december 2024 (12.042) 1.217 (663) (126) (11.614) Uitgestelde inkomstenbelastingschulden werden niet opgenomen voor de bronbelasting en andere belastingen die betaalbaar zouden zijn op niet-uitgekeerde resultaten van bepaalde dochterondernemingen. Dergelijke bedragen worden voortdurend geherinvesteerd. De totale niet-uitgekeerde resultaten zijn gelijk aan € 44,9 miljoen per 31 december 2024 (tegenover € 46,4 miljoen per 31 december 2023). Het optellen van de brutobedragen van uitgestelde belastingvorderingen van € 9,1 miljoen en het brutobedrag van uitgestelde belastingschulden (€ 11,6 miljoen) resulteert in een netto uitgestelde belastingschuld op 31 december 2024 van € 2,5 miljoen. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 188 Toelichting 15. Voorraden De onderstaande tabel geeft een gedetailleerd overzicht van de totale voorraden per 31 december: (In duizend €) 2024 2023 Totaal voorraden 49.608 52.257 Grondstoffen en hulpstoffen 23.070 25.295 Deels afgewerkte producten 14.174 14.860 Afgewerkte goederen 12.363 12102 De voorraden daalden van € 52,3 miljoen naar € 49,6 miljoen. De afname van de voorraden is in lijn met de lagere vraag en activiteit in 2024 in vergelijking met 2023, en met lagere inkoopprijzen. De Groep verlaagde de voorziening voor verouderde voorraad in 2024 met € 0,3 miljoen in vergelijking met een daling van € 0,3 miljoen voor 2023, die is opgenomen in het geconsolideerd overzicht van de resultatenrekening onder 'Gebruikte grondstoffen' en 'Voorraadwijzigingen in afgewerkte goederen en werken in uitvoering'. De som van de grondstofkosten en voorraadwijzigingen opgenomen als kosten in 2024 bedraagt € 109,8 miljoen, in vergelijking met € 135,2 miljoen in 2023. De activa van de Groep die in onderpand gegeven zijn als waarborg voor de Term Facility, de Senior Secured Notes en leningen worden beschreven in de Toelichtingen 21 tot 23. Toelichting 16. Handels- en overige vorderingen (In duizend €) 2024 2023 Totaal handels- en overige 18.127 28.963 vorderingen Handels- en overige vorderingen 624 586 (lange termijn) Overige vorderingen 624 586 Handels- en overige vorderingen 17.503 28.377 (korte termijn) Nettohandelsvorderingen 16.507 21.799 Handelsvorderingen 16.782 22.368 Min: Voorziening voor dubieuze (274) (570) debiteuren Vooruitbetalingen en toe te 819 5.531 rekenen opbrengsten Overige vorderingen 177 1.047 De reële waarde van de handels- en overige vorderingen benadert de boekwaarde ervan aangezien het verdisconteringseffect niet significant is. Als onderdeel van haar normale bedrijfsuitoefening heeft de Groep ingeschreven op non-recourse factoringovereenkomsten met financiële partijen. De Groep heeft de vorderingen waarvoor vrijwel alle risico’s en voordelen van eigendom werden overgedragen, met uitzondering van de reserves die nog op de balans staan, uitgeboekt. De kortlopende handels- en overige vorderingen zijn gedaald van € 28,4 miljoen per 31 december 2023 naar € 17,5 miljoen per 31 december 2024 als gevolg van lagere volumes. De vooruitbetalingen en overlopende activa daalden met € 4,7 miljoen van € 5,5 miljoen per 31 december 2023 tot € 0,8 miljoen per 31 december 2024. Deze daling is voornamelijk het gevolg van de financieringskosten in het kader van de herfinanciering van onze Senior Secured Notes naar de Term Facility. Per 31 december 2024 waren de vervallen netto handelsvorderingen goed voor € 1,2 miljoen (vergeleken met € 2,0 miljoen per 31 december 2023). Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 189 De Groep maakt gebruik van kredietverzekeringen in Europa en de VS om het kredietrisico dat verbonden is aan handelsvorderingen over te dragen. Bovendien is onze handelsvorderingenportefeuille zeer gediversifieerd, zowel op het gebied van segmentatie als klantenbestand, wat het kredietrisico beperkt. De kredietkwaliteit van de handels- vorderingen die noch vervallen zijn, noch een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan, is goed. De boekwaarden van de handels- en overige vorderingen van de Groep worden uitgedrukt in de volgende valuta’s: (In duizend €) 2024 2023 Totaal handels- en overige 18.127 28.963 vorderingen EUR 5.016 11.537 USD 12.999 17.207 GBP 112 219 De Groep monitort de recupereerbaarheid van handels- en overige vorderingen op basis van een beoordeling per geval. Daarnaast heeft de Groep IFRS 9 toegepast door aanwending van de gewijzigde retrospectieve methode, door gebruik te maken van de vereenvoudigde benadering van de norm en berekende ECL's (verwachte kredietverliezen) op basis van de verwachte kredietverliezen over de volledige levensduur. De Groep heeft een voorzieningenmatrix opgesteld. De handelsvorderingen zijn ingedeeld volgens gemeenschappelijke kenmerken die representatief zijn voor het vermogen van de klant om te betalen (op basis van de geografische regio en het type klanten, zoals detailhandel, groothandel of bouw & constructie en de status van wanbetaling). De voorzieningenmatrix is gebaseerd op de voorspelde wanbetalingspercentages die zijn gepubliceerd door Moody’s, en is aangepast met schaalfactoren om verschillen te weerspiegelen in de visie van de Groep op de huidige en voorspelde economische omstandigheden en de historische omstandigheden. Niet verschuldigd Meer dan Per 31 december of minder 15 dagen Totaal 2023 dan 15 dagen na de na de vervaldag vervaldag Verwacht 2,3% 6,0% verliespercentage Brutoboekwaarde - 21.167 1.202 22.368 handelsvorderingen Kredietverliezen 497 73 570 Niet verschuldigd Meer dan Per 31 december of minder 15 dagen Totaal 2024 dan 15 dagen na de na de vervaldag vervaldag Verwacht 1,1% 16,5% verliespercentage Brutoboekwaarde - 16.173 608 16.782 handelsvorderingen Kredietverliezen 174 100 274 De bewegingen van de voorziening voor dubieuze debiteuren van de Groep met betrekking tot handelsvorderingen zijn als volgt: (In duizend €) 2024 2023 Per 1 Januari (570) (752) Verhoging van provisie voor verliezen op (56) (278) leningen die in de loop van het jaar in de winst-en-verliesrekening is opgenomen Tijdens het jaar als oninbaar 147 35 afgeschreven vorderingen Teruggenomen bedragen 231 405 Wisselkoersverschil (27) 19 Per 31 december (274) (570) Het aanleggen en vrijgeven van voorzieningen voor vorderingen die een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan, werd opgenomen in ‘Overige inkomsten/kosten’ in het overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten. Bedragen die ten laste worden gebracht van de voorziening worden doorgaans afgeschreven wanneer niet verwacht wordt dat nog bijkomende geldmiddelen gerecupereerd zullen worden. De andere klassen in handels- en overige vorderingen bevatten geen activa die een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. De maximale blootstelling aan kredietrisico op de verslagdatum is de boekwaarde van elke hierboven vermelde klasse van vordering. Per 31 december 2024 houdt de Groep beperkte onderpanden voor minder dan € 0,1 miljoen aan. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 190 Toelichting 17. Liquide middelen (In duizend €) 2024 2023 Totaal liquide middelen 38.605 35.812 Liquide middelen bij de bank en in kas 17.062 28.481 Liquide middelen in 21.543 7.331 dochterondernemingen buiten de EU Waarvan in landen met wettelijke - - beperkingen De kredietkwaliteit van de banken en financiële instellingen is beschreven in Toelichting 27. De activa van de Groep die in onderpand gegeven zijn als zekerheid voor de Term Facility en de Super Senior Revolving Credit Facility en leningen worden beschreven in Toelichtingen 21 tot 23. Toelichting 18. Maatschappelijk kapitaal en uitgiftepremie Het wettelijk uitgegeven maatschappelijk kapitaal van de Groep bedraagt € 253,0 miljoen, onderverdeeld in 35.943.396 gewone aandelen zonder nominale waarde. Alle door de Groep uitgegeven aandelen zijn volledig volgestort, alsook een uitgiftepremie van € 65,7 miljoen. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 191 Toelichting 19. Overige niet-gerealiseerde resultaten De componenten van ‘Overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten’ (OCI of ‘Other comprehensive income’) zijn posten van inkomsten en kosten (inclusief herclassificatie-aanpassingen) die niet zijn opgenomen in het overzicht van de niet- gerealiseerde resultaten, zoals vereist of toegelaten door andere IFRS-normen. De Groep heeft overige niet-gerealiseerde resultaten die voornamelijk verband houden met de herwaardering van toegezegde personeelsvoordelen na tewerkstelling en de winsten en verliezen die voortkomen uit de omzetting van de jaarrekening van buitenlandse entiteiten. De bewegingen van de overige niet-gerealiseerde resultaten zijn samengevat in onderstaande tabel (In duizend €) 2024 2023 Posten in gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten die later kunnen 6.585 (970) worden geherclassificeerd naar de resultatenrekening Gecumuleerde omzettingsreserves per 31 december 6.585 (970) Gecumuleerde omzettingsreserves bij het begin van de periode (970) 3.559 Wisselkoersverschillen bij het omzetten van buitenlandse activiteiten 7.556 (4.529) Posten in niet-gerealiseerde resultaten die niet zullen worden 1.899 2.254 geherclassificeerd naar de resultatenrekening Wijzigingen in uitgestelde belastingen per 31 december (616) (739) Wijzigingen in uitgestelde belastingen bij het begin van de periode (739) (699) Wijzigingen in uitgestelde belastingen tijdens de periode 123 (40) Wijzigingen in provisie pensioenverplichtingen per 31 december 2.515 2.993 Wijzigingen in provisie pensioenverplichtingen bij het begin van de periode 2.993 3.007 Wijzigingen in provisie pensioenverplichtingen tijdens de periode (478) (13) Totaal overige niet-gerealiseerde resultaten per 31 december 8.485 1.283 De mutatie in de wisselkoersverschillen bij de omrekening van buitenlandse activiteiten weerspiegelt de wisselkoersschommelingen van de Amerikaanse dollar ten opzichte van de euro. Toegezegde verplichtingen uit hoofde van personeel De Groep werkt met toegezegde-pensioenregelingen (DB). De wijzigingen in pensioenverplichtingen worden verwerkt in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten wanneer de wijzigingen betrekking hebben op een verandering in de actuariële aannames van het ene jaar op het andere. In het verleden hebben verschillende verzekeringsmaatschappijen beslist om de technische intrestvoet op groepsverzekeringscontracten te verminderen tot een niveau dat lager lag dan het minimumrendement dat gewaarborgd werd door de wet voor Belgische toegezegde-pensioenregelingen. Omdat de werkgever de wettelijke minimumopbrengst van deze regelingen moet garanderen, worden niet alle actuariële en beleggingsrisico’s met betrekking tot deze regelingen overgedragen naar de verzekeringsmaatschappij of het pensioenfonds die/dat deze regelingen beheert. Daarom voldoen deze regelingen niet aan de definitie van toegezegde-bijdrageregelingen (DC) volgens IFRS en zouden deze standaard moeten geclassificeerd worden als toegezegde-pensioenregelingen (DB). Zie Toelichting 28 voor meer informatie. De verplichting werd gewaardeerd met behulp van een disconteringsvoet van 3,13% voor 2024 en 2,65% voor 2023. Uitgestelde belastingen De veranderingen in de pensioenverplichtingen beïnvloeden ook de uitgestelde belastingen. Wanneer de veranderingen in pensioenverplichtingen worden opgenomen via de Overige niet-gerealiseerde resultaten, wordt de gerelateerde uitgestelde belasting eveneens opgenomen in de Overige niet-gerealiseerde resultaten. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 192 Toelichting 20. Overgedragen resultaten (In duizend €) 2024 2023 Per 1 januari (202.298) (191.208) In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde 8 6 betalingsregelingen Winst / (verlies) voor het jaar toerekenbaar aan houders van 10.573 (11.095) eigenvermogensinstrumenten Per 31 december (191.717) (202.298) De overdragen resultaten mogen onder de aandeelhouders verdeeld worden bij beslissing van een algemene aandeelhoudersvergadering, rekening houdend met de beperkingen zoals gedefinieerd in de Term Facility en de Super Senior Credit Facilities en de beperkingen opgelegd door de wet. Toelichting 21. Term Facility (In duizend €) 2024 2023 Totaal Term Facility 124.822 - Langlopend deel 124.319 - Waarvan: brutoschuld 128.174 - Waarvan: geactiveerde (3.856) financieringskosten Kortlopend deel 503 - Waarvan: opgebouwde intresten 2.337 - Waarvan: geactiveerde (1.834) - financieringskosten Op 7 december 2023 is LSF9 Belysse Investments S.à r.l. een nieuwe Term Facility aangegaan van € 120 miljoen (equivalent) verstrekt door Blantyre (de ‘Term Facility’). De Term Facility is beschikbaar gesteld tegen de gebruikelijke voorwaarden voor faciliteiten van deze aard, geprijsd aan 6,00% p.a. contante betaling plus 5,00% p.a. payment-in-kind (‘PIK’) rente (met betrekking tot leningen in EUR) en 7,00% p.a. contante betaling plus 5,00% p.a. PIK- rente (met betrekking tot leningen in USD) (in beide gevallen, vaste rente, behalve dat PIK-rente op leningen in EUR en leningen in USD onderworpen is aan een hefboom- gebaseerde margeschaal en dus in elk geval kan stijgen met nog eens 2,00% p.a. wanneer bepaalde financiële ratio’s worden overschreden). Zie ook Toelichting 27 over de blootstelling aan USD. De PIK-rente wordt gekapitaliseerd aan het einde van elke renteperiode en draagt rente tegen de geldende rentevoet. LSF9 Belysse Investments S.à r.l. kan eenzijdig verzoeken om de looptijd van de Term Facility met één jaar te verlengen. De Term Facility bepaalt dat een verplichte gehele of gedeeltelijke vooruitbetaling vereist is bij het zich voordoen van een Exit Event. Als voorwaarde voor de financiering kreeg Blantyre ‘contingent value rights’ (de ‘CVR’) toegekend die gekoppeld zijn aan de waarde van het eigen vermogen van Belysse Group NV, die, bij het optreden van bepaalde gebeurtenissen, de CVR-houder het recht geven op een contante betaling of, naar keuze van Belysse (onder voorbehoud van de vereiste goedkeuring van de aandeelhouders), een uitgifte van aandelen gelijk aan 20% van de waarde van het eigen vermogen van Belysse Group NV boven een specifieke drempel van €41,1 miljoen (de ‘Drempel’). De betalingen onder de CVRs moeten worden gedaan: (i) verplicht in het geval van een verkoop van alle of vrijwel alle activa van, of aandelen in, Belysse Group NV; en (ii) naar keuze van de CVR-houder in het geval dat ofwel (a) het aandelenbezit de Toegelaten Aandeelhouders daalt tot 40% of minder; of (b) een andere persoon of in onderling overleg handelende personen meer aandelen in Belysse Group NV verwerven dan de Toegelaten Aandeelhouders (de gebeurtenissen beschreven onder (i) en(ii) hierboven, elk een ‘CVR Control Event’). Naast een CVR Control Event hebben de CVR-houders de mogelijkheid om hun betalingsrechten uit te oefenen vanaf 7 december 2027. De CVR is een afgeleid financieel instrument en wordt tegen reële waarde gewaardeerd op elke verslagdatum (zie Toelichting 10). De opbrengst van de Term Facility is gebruikt om de herfinanciering van alle uitstaande 2024 Notes te voldoen (zie Toelichting 22). Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 193 Verschillende onderpandovereenkomsten zijn gesloten, met inbegrip van maar niet beperkt tot materiële bankrekeningen en intercompany vorderingen van operationele entiteiten binnen de Groep en onderpandovereenkomsten op de operationele entiteiten van de Groep. Deze onderpandovereenkomsten worden verleend ten gunste van de leners van de Term Facility en de Revolving Credit Facility. De Groep is onderworpen aan maandelijkse rapporteringsvereisten en bepaalde beperkingen op beperkte betalingen en het aangaan van schulden. Wij bevestigen dat wij over de verslagperiode aan alle convenanten hebben voldaan. Toelichting 22. Senior Secured Notes (In duizend €) 2024 2023 Totaal Senior Secured Notes 1.855 137.041 Langlopend deel 1.839 1.839 Waarvan: brutoschuld 1.839 1.839 Kortlopend deel 17 135.203 Waarvan: opgebouwde intresten 17 3.388 Waarvan: geactiveerde - (145) financieringskosten Waarvan: brutoschuld - 131.960 Sinds 31 december 2023 had LSF9 Belysse Issuer S.à r.l. (de ‘Emittent’) een totaalbedrag van € 128.684.663 in hoofdsom (exclusief gekapitaliseerde financieringskosten en exclusief geactiveerde PIK-rente) van Senior Secured Notes met looptijd tot 2024 (de ‘2024 Notes’), die waren uitgegeven krachtens een indenture op datum van 8 maart 2021, zoals gewijzigd (de ‘Indenture’), en € 1.838.700 in hoofdsom van Senior Secured Notes met looptijd tot 2030 (de ‘2030 Notes’) die waren uitgegeven krachtens een indenture op datum van 3 augustus 2015, zoals gewijzigd. Op 5 februari 2024 herfinancierde de Emittent alle uitstaande 2024 Notes met de opbrengst van een nieuwe € 120 miljoen (equivalent) Term Facility (Toelichting 21) verstrekt door Blantyre aan LSF9 Belysse Investments S.à r.l. (zie hieronder). De herfinanciering werd gedeeltelijk voltooid door het terugkopen van de 2024 Notes in bezit van bepaalde obligatiehouders die ongeveer 75% van de totale uitstaande 2024 Notes aanhielden tegen een prijs die gelijk was aan 86,5% van de nominale waarde, waarbij het resterende bedrag werd afgelost tegen 100% van de nominale waarde via de optionele aflossingsbepalingen van de Indenture. De uitstaande Senior Secured Notes zijn niet onderworpen aan convenanten en aan de obligatiehouders is geen onderpand verleend. De op de uitstaande Senior Secured Notes toepasselijke rentevoet bedraagt 3,00% per jaar en de vervaldatum is 31 december 2030. Toelichting 23. Bank- en overige leningen De onderstaande tabel toont een overzicht van de bank- en overige leningen op 31 december 2024 en 31 december 2023: (In duizend €) 2024 2023 Totaal bank- en overige leningen 39.792 43.652 Langlopend deel 30.353 34.778 Overige leaseverplichtingen 18.888 20.375 Sale-and-leaseback verplichtingen 12.488 14.645 Waarvan: geactiveerde (194) (242) financieringskosten in verband met de sale-and-leaseback Geactiveerde financieringskosten (827) - met betrekking tot SSRCF Kortlopend deel 9.439 8.875 Overige leaseverplichtingen 7.685 6.757 Sale-and-leaseback verplichtingen 2.157 2.096 Waarvan: geactiveerde (48) (48) financieringskosten in verband met de sale-and-leaseback Super Senior RCF (SSRCF) 37 80 Geactiveerde financieringskosten (392) (10) met betrekking tot de SSRCF Wat de financieringsovereenkomsten van de Groep betreft, voorziet de documentatie in een neutralisatie van de wijzigingen in boekhoudkundige normen. Als dusdanig heeft de toepassing van IFRS 16 geen gevolgen voor de financiering van de Groep. We zullen de Schuldgraad blijven berekenen in overeenstemming met de definitie in onze financieringsovereenkomst (exclusief de impact van IFRS 16 maar inclusief sale-and-leasebacks). Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 194 Revolving Credit Facility Op 31 december 2023 had de Emittent een Super Senior Revolving Credit Facility van € 45 miljoen die verviel in 2024 (de ‘Bestaande RCF’). Op 11 januari 2024 is de directe dochtervennootschap van de Emittent, LSF9 Belysse Investments S.à r.l. een nieuwe Super Senior Revolving Credit Facility van € 20 miljoen (de ‘Nieuwe RCF’) aangegaan, die de bestaande RCF, nu geannuleerd, heeft vervangen. De nieuwe RCF is beschikbaar gesteld tegen de gebruikelijke voorwaarden voor faciliteiten van deze aard, voor een termijn die eindigt op 2 augustus 2027, met de optie om met één jaar te verlengen indien de nieuwe Term Facility tegelijkertijd wordt verlengd. De nieuwe RCF bepaalt dat een verplichte gehele of gedeeltelijke vooruitbetaling vereist is bij het zich voordoen van bepaalde omstandigheden (elk een ‘Exit Event’), namelijk of (i) een vervreemding van alle of vrijwel alle activa van LSF9 Belysse Investments S.à r.l. of haar dochterondernemingen of (ii) een wijziging van zeggenschap waarbij (a) bepaalde aandeelhouders die direct of indirect een meerderheid van de totale uitstaande aandelen van LSF9 Belysse Investments S.à r.l. in handen hebben (de ‘Toegelaten Aandeelhouders’) niet langer meer dan 40% van de aandelen van LSF9 Belysse Investments S.à r.l. bezitten, (b) een persoon meer aandelen in LSF9 Belysse Investments S.à r.l. verwerft dan in totaal worden gehouden door de Toegelaten Aandeelhouders, (c) de Emittent ophoudt alle aandelen van LSF9 Belysse Investments S.à r.l. rechtstreeks te bezitten (met uitzondering van aandelen die voor een tijdelijke periode worden uitgegeven aan roll-up investeerders) of (d) een verkoop van de bedrijfsactiviteiten van de Vennootschap die worden uitgevoerd in de Verenigde Staten. Wij bevestigen dat wij over de verslagperiode aan alle convenanten hebben voldaan. Sale-and-lease-back Op 20 december 2019 sloot de vennootschap een sale-and- leaseback overeenkomst met drie banken. Indien een derde partij controle over de vennootschap verwerft, hebben de banken het recht om de overeenkomst naar eigen goeddunken te beëindigen. Die change of control-clausule werd goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders van 26 mei 2020 overeenkomstig artikel 7:151 van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Op 31 maart 2022 werd deze sale-and-leaseback- overeenkomst gesplitst als onderdeel van een partiële splitsing in het kader van de Desinvestering en bleef ze bij de vennootschap enkel met betrekking tot de vestiging in Tielt. Factoring In het kader van de normale bedrijfsuitoefening, heeft de Groep ingeschreven op twee non-recourse factoringovereenkomsten, waarbij ze handelsvorderingen die voortvloeien uit de normale bedrijfsactiviteit kan verkopen aan nominale waarde waarvan bepaalde reserves en vergoedingen worden afgehouden. Het kredietrisico dat gepaard gaat met de gefactorde vorderingen is overgedragen aan de factoringonderneming, die dit risico op haar beurt heeft overgedragen aan een kredietverzekeringsmaatschappij. In het kader van de non- recourse overeenkomsten int de Groep betalingen van klanten namens de factoringonderneming aan wie de vorderingen zijn gefactord. Aangezien vrijwel alle risico’s en voordelen van eigendom zijn overgedragen, worden de handelsvorderingen die zijn toegewezen aan de factoringondernemingen niet langer opgenomen in de balans. Verscheidene dochtervennootschappen van de Vennootschap sloten afzonderlijke overeenkomsten voor factuurdiscontering met KBC Commercial Finance NV ('KBCCF') op 1 april 2022, krachtens welke deze dochtervennootschappen de eigendom van al hun huidige en toekomstige handelsvorderingen die onder dergelijke overeenkomsten vallen, overdragen aan KBCCF. Deze overeenkomst werd meermaals gewijzigd. Het laatst op 1 juni 2024. Onder de toepasselijke algemene voorwaarden van de overeenkomst moeten openstaande bedragen onmiddellijk worden betaald in het geval van een controlewijziging die niet in het belang is van de bank. De algemene voorwaarden bevatten typische clausules die standaard zijn voor dit soort transacties, met inbegrip van gronden voor beëindiging indien het beoogde transactievolume niet wordt bereikt. Op 31 oktober 2024 sloot Bentley Mills, Inc. (‘Bentley Mills’) een factoringovereenkomst met KBC Commercial Finance NV (‘KBCCF’) krachtens welke Bentley Mills alle rekeningen die voortvloeien uit de verkoop van Bentley Mills in verband met zijn activiteiten aan KBCCF verkoopt. In 2024 blijft de Groep een deel van de vorderingen opnemen naar rato van hun aanhoudende betrokkenheid, overeenkomstig IFRS 9 (€ 15,6 miljoen) (2023: € 5,8 miljoen). Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 195 Toelichting 24. Leases De leaseverplichtingen zijn afgenomen van € 43,6 miljoen per 31 december 2023 tot € 41,0 miljoen per 31 december 2024. Op het einde van 2024 bedraagt de overeenkomstige leaseverplichting met betrekking tot IFRS 16 (exclusief sale- en-lease-back) € 26,6 miljoen. De verplichting werd gewaardeerd tegen de contante waarde van de resterende leasebetalingen, verdisconteerd tegen een vooraf bepaalde disconteringsvoet. De Groep paste verschillende disconteringsvoeten toe, afhankelijk van het type actief (gebouwen of machines), de leasetermijn, de geografische regio, de risicopremie (van 1,80% tot 3%) en de variabiliteit van de basisrentevoet (gebaseerd op de marktswaprentes van 31 december 2018). De toegepaste impliciete rentevoet is afhankelijk van de locatie en de resterende looptijd van de overeenkomst. Voor contracten binnen Europa ligt deze tussen 0 en 2,9%. In de VS ligt de marginale leningrentevoet tussen 3,4% en 6,9%. De leaseovereenkomsten onder IFRS 16 hebben een resterende looptijd tussen 1 en 7 jaar. Als alternatief voor het uitvoeren van een beoordeling op bijzondere waardevermindering, zijn wij uitgegaan van eerdere beoordelingen of leaseovereenkomsten verlieslatend zijn – per 31 december 2024 waren er geen verlieslatende overeenkomsten. Wat de financieringsovereenkomsten van de Groep betreft, voorziet de documentatie in een neutralisatie van de wijzigingen in boekhoudkundige normen. Als dusdanig heeft de toepassing van IFRS 16 geen gevolgen voor de financiering van de Groep. We zullen de Schuldgraad blijven berekenen in overeenstemming met de definitie in onze financieringsovereenkomst. Boekwaarden van de leaseverplichtingen en bewegingen in 2024: IFRS 16 excl. sale-and-(In duizend €) Totaal sale-and-leaseback leaseback Per 31 december 27.132 16.451 43.583 2023 Aanschaffingen 5.316 - 5.316 Verkopen - - - Financieringskosten - 48 48 Aangroei van intrest 1.250 430 1.679 Betalingen (7.836) (2.526) (10.362) Wisselkoerseffect 710 - 710 Per 31 december 26.572 14.402 40.975 2024 IFRS 16 excl. sale-and-(In duizend €) Totaal sale-and-leaseback leaseback Kortlopende 7.685 2.109 9.794 leaseverplichtingen Langlopende 18.888 12.293 31.181 leaseverplichtingen Totaal 26.572 14.402 40.975 leaseverplichtingen (In duizend €) 2024 2023 Totaal contante waarde van leaseverplichtingen 41.217 43.873 (exclusief geactiveerde financieringskosten) Binnen het jaar 9.842 8.853 Langer dan 1 jaar en niet langer 25.342 29.066 dan 5 jaar Langer dan 5 jaar 6.033 5.954 De Groep heeft vooruitziendheid gebruikt bij het bepalen van de leasetermijn wanneer het contract opties bevat om de leaseovereenkomst te verlengen of te beëindigen. Naast de impact op de operationele activiteiten wordt in deze analyse rekening gehouden met criteria zoals boetes en verbeteringen aan het geleasede goed. Variabele leasebetalingen werden niet meegenomen in de waardering van de leaseverplichtingen. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 196 Toelichting 25. Nettoschuld-reconciliatie De volgende tabel geeft een overzicht van de nettoschuld en -bewegingen: Schulden uit financieringsactiviteiten (In duizend €) Term Senior Senior Lease-Term Lease-Facility Secured Secured verplicht- Facility verplicht-Totaal met Notes Notes met ingen met Super met ingen met financiële verval-met verval-verval-Senior verval-verval-bruto-datum verval-datum datum RCF datum datum na schuld binnen datum binnen binnen na 1 jaar 1 jaar 1 jaar na 1 jaar 1 jaar 1 jaar Nettoschuld per - - (1.839) (135.348) (35.020) (8.853) (80) (181.140) 31 december 2023 Kasstromen - - - - - - - - Opbrengsten uit leningen met (120.000) - - - - - - (120.000) derden Terugbetalingen van leningen met - - - 118.573 - 8.517 - 131.508 derden Andere non-cash bewegingen (inclusief (8.174) (2.337) - 16.758 3.645 (9.506) 43 (3.988) wisselkoers-bewegingen) Nettoschuld per (128.174) (2.337) (1.839) (17) (31.375) (9.842) (37) (173.620) 31 december 2024 Liquide middelen (In duizend €) Totaal Liquide Totaal financiële middelen financiële brutoschuld nettoschuld Nettoschuld per (181.140) 35.812 (145.328) 31 december 2023 Kasstromen - 1.162 2.793 Opbrengsten uit leningen (120.000) - (120.000) met derden Terugbetalingen van 131.508 - 131.508 leningen met derden Andere non-cash bewegingen (inclusief (3.988) 1.631 (3.988) wisselkoersbewegingen) Nettoschuld per (173.620) 38.605 (135.015) 31 december 2024 Op 5 februari 2024 herfinancierde LSF9 Belysse Issuer S.à r.l. (“de Emittent”) alle uitstaande 2024 Notes met de opbrengst van een nieuwe € 120 miljoen (equivalent) Term Facility verstrekt door Blantyre aan LSF9 Belysse Investments S.à r.l. De herfinanciering werd gedeeltelijk voltooid door het terugkopen van de 2024 Notes in bezit van bepaalde obligatiehouders die ongeveer 75% van de totale uitstaande 2024 Notes aanhielden tegen een prijs die gelijk was aan 86,5% van de nominale waarde. De non-cash beweging op de Senior Secured Notes heeft betrekking op de € 13,4 miljoen korting op afwikkeling en de nettobeweging in opgelopen rente van € 3,4 miljoen. De non-cash beweging op de Term Facility heeft betrekking op de driemaandelijkse PIK-rente die wordt toegevoegd aan de hoofdsom (€ 4,7 miljoen) gedurende de periode, de niet-gerealiseerde wisselkoersverliezen op de schijf in USD van de nieuwe Term Facility (€ 3,5 miljoen) en de nettobeweging in opgelopen rente (€ 2,3 miljoen). De bovenstaande tabel heeft geen betrekking op de geactiveerde financieringskosten, noch op de driemaandelijks betaalde intrest (zie Toelichtingen 21 tot 23). Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 197 Toelichting 26. Aanvullende informatie over financiële instrumenten De volgende tabel geeft de boekwaarde en de reële waarden weer van elke categorie van financiële activa en financiële verplichtingen: (In duizend €) Reële waarde-2024 2024 2023 2023 hiërarchie Reële Reële Boekwaarde Boekwaarde waarde waarde Activa per balansdatum 56.732 56.732 64.775 64.775 Leningen en vorderingen 56.732 56.732 64.775 64.775 Handels- en overige vorderingen 18.127 18.127 28.963 28.963 Liquide middelen Niveau 1 38.605 38.605 35.812 35.812 Verplichtingen per balansdatum 76.735 76.292 227.155 203.843 Financiële verplichtingen gewaardeerd tegen 76.735 76.292 227.155 203.843 geamortiseerde kostprijs Term Facility Niveau 2 124.822 124.822 - - Senior Secured Notes Niveau 1 1.855 1.412 137.041 113.729 Bank- en overige leningen Niveau 2 39.792 39.792 43.652 43.652 Handels- en overige schulden 35.087 35.087 46.462 46.462 Financiële verplichtingen gewaardeerd tegen - - - - reële waarde Afgeleide financiële instrumenten Niveau 2 1.547 1.547 - - Verschillende waarderingsniveaus werden als volgt gedefinieerd: • Niveau 1: zijn waarderingen afgeleid van genoteerde prijzen (niet aangepast) in een actieve markt voor identieke activa en passiva; • Niveau 2: zijn waarderingen afgeleid van bronnen, anders dan genoteerde prijzen vervat in Niveau 1, die waarneembaar zijn voor het actief of passief, ofwel direct (als prijzen), ofwel indirect (afgeleid van prijzen); • Niveau 3: zijn waarderingen afgeleid van bronnen voor het actief of passief die niet gebaseerd zijn op observeerbare marktdata (niet-waarneembare inputs). De reële waarde van de Senior Secured Notes is gebaseerd op een raming van Niveau 1. De reële waarde van alle andere financiële instrumenten, met uitzondering van liquide middelen, werd bepaald op basis van ramingen van Niveau 2. De reële waarde van de valutatermijn-contracten werd bepaald door gebruik te maken van de op een actieve markt genoteerde termijnkoers. De verdisconteringseffecten zijn over het algemeen niet significant voor derivaten van Niveau 2. Voor handels- en overige vorderingen, alsook handels- en overige schulden, wordt de boekwaarde beschouwd als een goede raming van de reële waarde, gelet op de kortlopende aard van deze posten. Er waren geen veranderingen in de toegepaste waarderingstechnieken gedurende de periode. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 198 Toelichting 27. Financieel risicobeheer De activiteiten van de Groep zijn blootgesteld aan diverse financiële risico’s: marktrisico (inclusief wisselkoersrisico, reële waarde renterisico, kasstroom renterisico en grondstoffenprijsrisico), kredietrisico en liquiditeitsrisico. Het algemene risicobeheerprogramma van de Groep richt zich op de onvoorspelbaarheid van de financiële markten en streeft ernaar mogelijke negatieve effecten op de financiële prestaties van de Groep tot een minimum te beperken. Het doel is de gebeurtenissen of handelingen die kunnen leiden tot financiële verliezen te identificeren, te meten, te beheren en vervolgens te monitoren. Afgeleide financiële instrumenten worden niet langer gebruikt om bepaalde risicoblootstellingen op groepsniveau af te dekken, aangezien de blootstelling aan vreemde valuta's is verminderd. Kwalitatieve en kwantitatieve toelichtingen over het marktrisico Wisselkoersrisico We zijn in aanzienlijke mate blootgesteld aan de waarde van de Amerikaanse dollar. Bijgevolg zijn onze financiële resultaten onderhevig aan de gevolgen van transacties in vreemde valuta’s en omzettingsverschillen die voortvloeien uit wisselkoersschommelingen, voornamelijk de wisselkoers tussen de EUR en de USD. Het aandeel van onze inkomsten dat in de verschillende valuta’s is opgenomen, stemt niet exact overeen met de inkomsten afkomstig uit elke regio, omdat wij onze klanten soms factureren in een andere valuta dan hun plaatselijke valuta. Onze geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in euro. Hierdoor zijn we blootgesteld aan het omzettingsrisico bij de voorbereiding van onze geconsolideerde jaarrekening wanneer we de jaarrekeningen van onze dochterondernemingen omzetten die een andere functionele valuta hebben dan de euro. Een deel van onze activa, passiva, opbrengsten en kosten zijn uitgedrukt in verschillende andere valuta’s dan EUR, voornamelijk USD. Daardoor kunnen onze geconsolideerde bedrijfsresultaten, die in euro worden gerapporteerd, beïnvloed worden door wisselkoersschommelingen. Veranderingen in wisselkoersen kunnen ook een impact op lange termijn hebben op onze verkoopvolumes. Bijvoorbeeld, wanneer er een langdurige ontwaarding is van de euro, kunnen onze volumes stijgen doordat we competitiever worden in de markten buiten de eurozone. Daartegenover staat dat een langdurige versterking van de euro tot een daling van de verkoopvolumes en prijzenconcurrentie kan leiden in de markten buiten Europa. De volgende tabel toont de posten die het meest worden blootgesteld aan wisselkoersrisico’s. (In duizend €) EUR GBP USD Totaal Nettoblootstelling per 31 December 2024 (58.089) 897 (45.985) (103.177) Term Facility (57.735) - (67.087) (124.822) Handels- en overige vorderingen 5.016 112 12.999 18.127 Liquide middelen 14.440 819 23.346 38.605 Handels- en overige schulden (19.811) (34) (15.242) (35.087) (8.188) 1.190 25.312 18.314 Nettoblootstelling per 31 December 2023 11.537 219 17.207 28.963 Handels- en overige vorderingen 9.918 1.057 24.837 35.812 Liquide middelen (29.642) (87) (16.733) (46.462) Handels- en overige schulden Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 199 De volgende tabel geeft de sensibiliteitsanalyse weer van de eindejaarsbalans in GBP en USD als de euro met 10% verzwakt: (In duizend €) 2024 2023 In GBP 100 498 Wijziging in boekwaarde van 100 498 monetaire activa en passiva In USD (5.109) 2.812 Wijziging in boekwaarde van 2.345 2.812 monetaire activa en passiva Wijziging in boekwaarde van (7.454) - Term Facility De volgende tabel geeft de sensibiliteitsanalyse weer van de eindejaarsbalans in GBP en USD als de euro met 10% versterkt: (In duizend €) 2024 2023 In GBP (82) (407) Wijziging in boekwaarde van (82) (407) monetaire activa en passiva In USD 4.180 (2.301) Wijziging in boekwaarde van (1.918) (2.301) monetaire activa en passiva Wijziging in boekwaarde van 6.098 - Term Facility Risico in verband met de grondstoffenprijzen We zijn blootgesteld aan schommelingen in de prijs van belangrijke grondstoffen die worden gebruikt in het productieproces. In 2024 vertegenwoordigden de grondstoffenkosten 39,0% van de omzet, tegenover 41,3% vorig jaar. Dit is voornamelijk te danken aan een nieuwe inkoopstrategie waarbij we erin zijn geslaagd extra manieren te vinden om grondstoffen wereldwijd in te kopen, waardoor onze inkoopprijzen zijn gedaald. Aangezien het enige tijd duurt voordat prijsstijgingen van grondstoffen worden doorberekend aan klanten, hebben veranderingen in de kosten van grondstoffen doorgaans een tijdelijk negatief effect op de brutomarge van de Groep. Als de prijzen van onze voornaamste grondstoffen 10% hoger (lager) waren geweest, zou de gecorrigeerde EBITDA ongeveer € 6 miljoen lager (hoger) zijn geweest als het management geen risicobeperkende maatregelen had genomen. Deze impact werd bepaald door de volumes van onze voornaamste grondstoffen te vermenigvuldigen met een afwijking van 10% op de gemiddelde aankoopprijs van die grondstoffen voor het jaar. Bij de sensibiliteits- berekening wordt rekening gehouden met het typische tijdsverloop tussen de aankoop van grondstoffen en de verwerking van de grondstofkosten ten opzichte van de verkoop. Renterisico Ons renterisico houdt vooral verband met de externe schulden die een variabele rente hebben. Zonder de impact van IFRS 16 (met uitzondering van sale-en-lease-back) zijn enkel de bedragen die wij lenen onder de Super Senior Revolving Credit Facility en de bedragen onder onze factoringovereenkomsten onderhevig aan een variabele rente, aangezien de Senior Secured Notes een vaste rente hebben. Wij hebben daarom tijdens de verslagperiode geen gebruik gemaakt van renteswaps voor onze financiering. De volgende tabel geeft de sensibiliteitsanalyse weer van de rentekosten en -opbrengsten bij een verschuiving van 25 basispunten in de EUR-rentecurve. De Super Senior Revolving Credit Facility wordt momenteel niet opgenomen in cash, dus een stijging van de rente heeft geen impact en de impact van 25 basispunten op de factoring is lager dan € 0,1 miljoen. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 200 31 december 2024 25 25 basispunten basispunten neerwaartse opwaartse (In duizend €) verschuiving verschuiving in EUR-in EUR-rentecurve rentecurve Totale impact op 42 (42) rentekosten/- opbrengstenNiet-afgeleide financiële 42 (42) verplichtingen met variabele rente Kwalitatieve en kwantitatieve toelichtingen over kredietrisico Ons kredietrisico wordt voor de hele Groep samen beheerd. We beoordelen de kredietkwaliteit van de klant, rekening houdend met zijn financiële positie, de ervaringen uit het verleden en andere factoren. Er worden individuele kredietlimieten vastgesteld op basis van ervaringen uit het verleden, een grondig inzicht in de klant en in nauwe samenwerking met de verkoopteams. Deze kredietlimieten worden regelmatig beoordeeld door de Sales Directors en door het financieel management. Daarnaast hebben wij een kredietverzekering afgesloten om een groot deel van het wanbetalingsrisico te dekken. Tot slot wordt het kredietrisico ook beperkt door non-recourse factoringovereenkomsten voor de handelsvorderingen, waarbij het kredietrisico is overgedragen aan de tegenpartij. De handelsvorderingen zijn gespreid over een aantal landen en tegenpartijen. De handelsvorderingen zijn niet sterk geconcentreerd. De wanbetalingspercentages voor 2024 en 2023 lagen niet hoger dan 1%. Het teveel aan liquiditeiten wordt herbelegd voor zeer korte periodes en wordt gespreid over een beperkt aantal banken die allemaal beschikken over een bevredigende kredietrating. Voor kasmiddelen op bankrekeningen en kortlopende bankdeposito’s geeft de onderstaande tabel een overzicht van de kredietratings voor banken die door de Groep worden gebruikt. (In duizend €) 2024 2023 Totaal liquide middelen 38.605 35.812 AA-rating 21.555 6.582 A-rating 17.050 29.231 Kwalitatieve en kwantitatieve toelichtingen over liquiditeitsrisico Wij zien centraal toe op de kasstroomprognoses en liquiditeitsvereisten om ervoor te zorgen dat wij over voldoende geldmiddelen beschikken om aan onze operationele behoeften te voldoen en om tegelijkertijd altijd voldoende bewegingsruimte te behouden op onze niet- opgenomen toegezegde kredietfaciliteiten zodat wij kredietlimieten of convenanten op onze kredietfaciliteit niet overschrijden. De bedrijfsactiviteiten van onze dochterondernemingen en de daaruit resulterende instromen van kasmiddelen zijn onze belangrijkste bron van liquiditeit. Dankzij ons systeem van cashpooling kunnen wij profiteren van kasoverschotten van bepaalde dochterondernemingen om de financiële behoeften van andere dochterondernemingen te dekken. Wij beleggen kasoverschotten in rentedragende lopende rekeningen en kortetermijndeposito’s en selecteren instrumenten met een gepaste vervaldatum of liquiditeit om voldoende bewegingsruimte te bieden, zoals bepaald door de bovenvermelde prognoses. Om te voldoen aan onze verplichtingen inzake uitstromen van kasmiddelen, gebruiken wij indien nodig kasstromen uit bedrijfsactiviteiten en kredietfaciliteiten bij financiële instellingen. Daarnaast hebben wij met financiële instellingen factoringovereenkomsten gesloten, waarbij geldmiddelen aan ons beschikbaar worden gesteld in ruil voor bepaalde door ons gegenereerde handelsvorderingen. De belangrijkste financiële overeenkomsten per 31 december 2024 zijn de Term Facility (zie Toelichting 21), de Senior Secured Notes (zie Toelichting 22), de Super Senior Revolving Credit Facility (zie Toelichting 23) en de financiële leaseovereenkomsten (zie Toelichting 24). Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 201 De volgende tabel weerspiegelt alle contractuele vaste betalingen die moeten voldaan worden, alsook terugbetalingen en rente voortvloeiend uit de erkende financiële verplichtingen. De toegelichte bedragen zijn niet-verdisconteerde nettokasuitstromen, gebaseerd op de marktomstandigheden per 31 december 2024. Tussen Tussen 2 Minder dan Tussen 1 en Meer dan (In duizend €) 6 maanden en 6 maanden 2 jaar 5 jaar en 1 jaar 5 jaar Totaal per 31 december 2024 (44.274) (9.304) (15.365) (180.390) (7.899) Term Facility (4.201) (4.355) (8.974) (161.218) - Afgeleid financieel instrument - - - (1.547) - Senior Secured Notes (28) (28) (55) (165) (1.866) Super Senior RCF (37) - - - - Leaseverplichtingen (4.921) (4.921) (6.335) (19.006) (6.033) Handels- en overige schulden (35.087) - - - - Onze financieringsovereenkomsten met externe partijen omvatten verplichtingen, beperkingen en convenanten die een nadelige impact kunnen hebben op onze activiteiten, financiële situatie en operationele resultaten, als we ze niet kunnen naleven. De schuldgraad op het einde van het jaar bedroeg 3,1x. De volgende tabel weerspiegelt alle contractuele vaste betalingen die moeten voldaan worden, alsook terugbetalingen en rente voortvloeiend uit de erkende financiële verplichtingen. De toegelichte bedragen zijn niet-verdisconteerde nettokasuitstromen, gebaseerd op de marktomstandigheden per 31 december 2023. Tussen Tussen 2 Minder dan Tussen 1 en Meer dan (In duizend €) 6 maanden en 6 maanden 2 jaar 5 jaar en 1 jaar 5 jaar Totaal per 31 december 2023 (186.316) (4.427) (7.267) (21.800) (7.793) Senior Secured Notes (135.348) - - - (1.839) Super Senior RCF (80) - - - - Leaseverplichtingen (4.427)(4.427)(7.267)(21.800)(5.954)Handels- en overige schulden (46.462) - - - - Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 202 Kapitaalrisicobeheer Met haar kapitaalrisicobeheer wil de Groep ervoor zorgen dat ze opbrengsten kan blijven aanbieden aan de aandeelhouders, toezeggingen aan andere belanghebbenden, en dat ze een optimale kapitaalstructuur kan handhaven om de kapitaalkosten te beperken. Om de kapitaalstructuur in stand te houden of aan te passen, kan de Groep het aan de aandeelhouders betaalde dividend aanpassen, nieuwe aandelen uitgeven of activa verkopen om de schulden te verminderen. De Groep volgt haar financiële prestaties van nabij op om de financiële convenanten na te leven. Zie Toelichting 21 tot 23 voor meer informatie. Klimaatkwesties • Impact van de klimaatverandering op grondstoffen Polymeren zijn het hoofdmateriaal voor onze vloerbe- dekkingen. De impact van de transformatie van de petrochemische sector kan een mogelijke impact hebben op de jaarrekening van Belysse. • Impact van de klimaatverandering op productie en producten Om te voldoen aan de Europese Green Deal en de overheidsregeling inzake emissies in België en de VS, doet Belysse operationele en kapitaaluitgaven om de CO2-voetafdruk te verkleinen. • Impact van waterschaarste Een aantal van onze productieprocessen, in het bijzonder verven en bedrukken, zijn afhankelijk van de beschikbaarheid van water. De operationele en kapitaaluitgaven zullen blijven doorgaan om het waterverbruik te verlagen en te optimaliseren, met speciale aandacht voor de site van Tielt (Vlaanderen, België). Aan de andere kant, gezien dat alle productie vestigingen gesitueerd zijn boven het zee niveau, is er een klein risico van een stijgend zeeniveau veroorzaakt door de opwarming van de aarde. Zie de duurzaamheidsverklaring, sectie 'E1.IRO-1 – Beschrijving van de processen voor het identificeren en inschatten van materiële klimaat-gerelateerde effecten, risico's en opportuniteiten' voor meer details van deze risicobeoordeling. Macro-economische omgeving De invasie van Rusland in Oekraïne en de daaruit voortvloeiende sancties hadden slechts een beperkte rechtstreekse impact op onze Groep. De sterke inflatie daarentegen had wel een impact met een sterke stijging van bijna al onze inputkosten. Dit wordt aangepakt door onze kostenbasis voortdurend te evalueren en waar nodig door te rekenen aan de klanten. In onze Europese bedrijven merkten we een tijdsvertraging op bij het maken van deze kosten en het doorrekenen ervan aan de klanten. Het indirecte effect van hogere rentevoeten is beperkt omdat we meestal worden gefinancierd met een vaste rentevoet, zoals hierboven uitgelegd. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 203 Toelichting 28. Verplichtingen uit hoofde van personeelsbeloningen De Groep past een pensioenregeling toe en voorziet ook in pensioenverplichtingen. Deze voordelen werden gewaardeerd in overeenstemming met de herziene IAS 19 en de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep zoals beschreven in Toelichting 1.20. De verplichting werd gewaardeerd door gebruik te maken van een disconteringsvoet van respectievelijk 3,13% en 2,65% in 2024 en 2023. De jaarlijkse pensioenkosten met betrekking tot de pensioenregeling worden vermeld in Toelichting 6. De verplichtingen aan personeelsbeloningen die in de jaarrekening worden opgenomen, staan hieronder beschreven: (In duizend €) 2024 2023 Totaal verplichtingen aan 634 169 personeelsbeloningen Pensioenregelingen 628 151 Brugpensioenen 6 19 Totaal verplichtingen aan 634 169 personeelsbeloningen Lange termijn 631 159 Korte termijn 3 11 Pensioenregelingen: overzicht Er werden pensioenregelingen opgesteld voor het management en deze worden gefinancierd door werkgeversbijdragen die toenemen afhankelijk van de anciënniteit (basisbijdrage van 3,75% van het pensioengevend salaris; dit stijgt met 0,5% voor elke 5 jaar anciënniteit binnen de Groep tot een maximumbijdrage van 5,75%). De regeling bevat ook een voordeel voor 'overlijden tijdens dienstverband’ dat oploopt tot tweemaal het pensioengevend salaris. Er werden verschillende pensioenregelingen opgezet voor de bedienden en deze worden gefinancierd door vaste werkgeversbijdragen. Daarnaast wordt, als onderdeel van de bonusregelingen voor leden van het management, een deel van de bonus toegekend via werkgeversbijdragen aan een pensioenregeling. De in de balans opgenomen verplichting in verband met toegezegde-pensioenregelingen is de contante waarde van de toegezegde-pensioenregeling aan het einde van de verslagperiode, verminderd met de reële waarde van de activa van de regelingen. Pensioenregelingen: waarderingsmethode De pensioen- en bonusregelingen zoals hierboven beschreven, werden ingedeeld als ‘defined benefit’. De waardering van de pensioen- en bonusregelingen werd uitgevoerd in overeenstemming met IAS 19. We verwijzen naar Toelichting 1.20 voor de gebruikte waarderings- methode. De verplichting is gebaseerd op het verschil tussen de contante waarde van de toegezegde-pensioenregeling (‘defined benefit obligation’), rekening houdend met het minimumrendement en een disconteringsfactor, verminderd met de reële waarde van de activa van de regelingen op de relevante datum. Pensioenregelingen: belangrijkste waarderingsaannames De belangrijkste aannames die gebruikt worden om de waardering uit te voeren, staan hieronder beschreven: (In duizend €) 2024 2023 Disconteringsvoet BE 3,13% 2,65% Pensioenleeftijd 65 jaar 65 jaar Mortaliteit MR/FR-5 MR/FR-5 Voor het jaar dat eindigde op 31 december 2024 bedraagt de verplichting uit hoofde van toegezegde-pensioenregelingen, rekening houdend met het belastingeffect, € 3,1 miljoen (2023: € 2,1 miljoen) en de compensatie door activa van de regeling € 2,6 miljoen (2023: € 2,0 miljoen). Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 204 Toelichting 29. Overige wedde-, salaris- en sociaal gerelateerde schulden (In duizend €) 2024 2023 Totaal Overige wedde-, salaris- en 14.415 14.444 sociaal gerelateerde schulden Vakantiegeld 5.514 5.537 Sociale zekerheidspremies 2.115 2.105 Lonen en wedden 5.475 5.953 Brugpensioenen 3 11 Groepsverzekering - 37 Ingehouden belastingen 690 374 Overige 618 428 Overige wedde-, salaris- en sociaal gerelateerde schulden bleven stabiel op € 14,4 miljoen voor het jaar eindigend op 31 december 2024. Toelichting 30. Voorzieningen voor overige verplichtingen en kosten Verplichting tot (In duizend €) Garantie Totaal terugtrekking van activa Per 1 januari 2024 1017 1.212 2.229 Aanschaffingen 18 282 300 Teruggenomen - - - bedragen Wisselkoersverschillen 66 95 161 Per 31 december 1.100 1.589 2.689 2024 (In duizend €) 2024 Lange termijn 2.689 Korte termijn - Per 31 december 2024 2.689 De voorziening voor overige risico's en kosten steeg van € 2,2 miljoen per 31 december 2023 tot € 2,7 miljoen per 31 december 2024. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 205 Toelichting 31. Handels- en overige schulden (In duizend €) 2024 2023 Handels- en overige schulden 35.087 46.462 Handelsschulden 27.188 37.693 Toegerekende kosten en 5.836 6.198 overgedragen opbrengsten Overige schulden 2.063 2.571 De handelsschulden per 31 december 2024 van € 27,2 miljoen omvatten de bedragen voor openstaande facturen (€ 20,9 miljoen, in vergelijking met € 26,6 miljoen per 31 december 2023) en verwachte facturen voor goederen en diensten ontvangen tijdens de verslagperiode (€ 4,0 miljoen, in vergelijking met € 7,0 miljoen per 31 december 2023). Toegerekende kosten en overgedragen opbrengsten hebben voornamelijk betrekking op toegerekende kosten voor klantenkortingen (€ 2,2 miljoen, in vergelijking met € 3,0 miljoen per 31 december 2023) en verschillende andere kosten. Toelichting 32. Op aandelen gebaseerde betalingen De Vennootschap heeft een lange termijn incentiveplan voor bepaalde medewerkers dat afhankelijk is van het behalen van een vooropgesteld doel voor de koers van het aandeel. Op dit moment zijn de opties ‘out-of-the-money’. We verwijzen naar het remuneratieverslag dat onderdeel is van de 'Corporate Governance'. Toelichting 33. Overheidssubsidies De overheidssubsidies van de Groep hebben betrekking op de incentives die de Belgische overheid toekent op basis van het investerings-, milieu- en tewerkstellingsbeleid van de Groep. De in 2024 ontvangen bedragen waren lager dan € 0,1 miljoen. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 206 Toelichting 34. Winst per aandeel Gewone en verwaterde winst per aandeel 2024 2023 Gewone en verwaterde winst per aandeel Nettoresultaat 10.573 (11.095) Percentage van nettoresultaat toe te rekenen aan de houders van gewone en verwaterde 100% 100% aandelen Nettoresultaat toe te rekenen aan de houders van gewone en verwaterde aandelen 10.573 (11.095) Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone en verwaterde aandelen (in duizend) 35.943 35.943 Nettoresultaat per aandeel toe te rekenen aan de houders van gewone en verwaterde 0,29 (0,31) aandelen (in euro) In overeenstemming met IAS 33 wordt de basiswinst per aandeel berekend door de nettowinst over het jaar die kan worden toegerekend aan houders van eigenvermogensinstrumenten van de moedervennootschap te delen door het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen gedurende het jaar. Gecorrigeerde winst per aandeel In het resultaat van 2024 en 2023 werden enkele eenmalige posten opgenomen die van invloed waren op de berekening van de winst per aandeel. Vanuit managementperspectief hebben we een gecorrigeerde winst per aandeel berekend, waarbij geen rekening is gehouden met de impact van eenmalige posten. 2024 2023 1Gecorrigeerde winst per aandeel Nettoresultaat 10.573 (11.095) Normalisatie-aanpassingen(13.486) 5.310Gecorrigeerd nettoresultaat (2.913) (5.786) Percentage van nettoresultaat toe te rekenen aan de houders van gewone en verwaterde 100% 100% aandelen Nettoresultaat toe te rekenen aan de houders van gewone en verwaterde aandelen (2.913) (5.786) Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone en verwaterde aandelen (in duizend) 35.943 35.943 Nettoresultaat per aandeel toe te rekenen aan de houders van gewone en verwaterde (0,08) (0,16) aandelen (in euro) 1 Zie Toelichting 1.25 voor een overzicht van de niet-GAAP-maatstaven en Toelichting 3. De winst in 2024 omvat de nettobelastingimpact van de eenmalige uitgaven van € (0,1 miljoen) voor integratie en herstructurering (zie Toelichting 9) en de financiële opbrengst in verband met de korting op de terugbetaling van de Senior Secured Notes voor € (13,4 miljoen). Zonder deze gebeurtenissen zou het genormaliseerde resultaat voor de periode een verlies van € 2,9 miljoen geweest zijn. Ter vergelijking: het verlies voor 2023 omvat een nettobelastingimpact van de eenmalige uitgave na belasting van € 3,1 miljoen en eenmalige belastingeffecten van € 3,0 miljoen (zie Toelichting 11), wat resulteert in een genormaliseerd verlies van € 5,8 miljoen. De Groep of een rechtstreekse dochteronderneming of een persoon, handelend in eigen naam maar voor rekening van de Vennootschap, heeft geen aandelen van de Vennootschap verworven. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 207 Toelichting 35. Dividend per aandeel Omdat we ons blijven richten op schuldafbouw en verdere investeringen in de activiteiten, zal de Raad van Bestuur geen dividend voor het jaar voorstellen. Toelichting 36. Verbintenissen Energie Onze vaste prijsafspraken voor elektriciteit en gas, voor leveringen in 2025 en 2026, zijn gelijk aan € 3,0 miljoen per 31 december 2024, in vergelijking met een bedrag van € 4,2 miljoen per 31 december 2023. Kapitaaluitgaven Op 31 december 2024 zijn er uitstaande kapitaalverbintenissen van € 2,3 miljoen in vergelijking met € 0,4 miljoen op 31 december 2023. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 208 Toelichting 37. Lijst van geconsolideerde ondernemingen De dochterondernemingen en gezamenlijk gecontroleerde entiteiten van Belysse Group NV, het participatiepercentage van de Groep en het controlepercentage van de Groep van de actieve ondernemingen worden hieronder voorgesteld. 2024 2023 % participatie % controle % participatie % controle België Belysse NV 100% 100% 100% 100% ITC Co BV 100% 100% 100% 100% Modulyss NV 100% 100% 100% 100% Luxemburg LSF9 Belysse Issuer S.à r.l. 100% 100% 100% 100% LSF9 Belysse Luxembourg S.à r.l. 100% 100% 100% 100% LSF9 Belysse Investment S.à r.l. 100% 100% 100% 100% Verenigde Staten LSF9 Renaissance Holdings LLC 100% 100% 100% 100% LSF9 Renaissance Acquisitions LLC 100% 100% 100% 100% BPS Parent, Inc. 100% 100% 100% 100% Bentley Prince Street Holdings, Inc. 100% 100% 100% 100% Bentley Mills, Inc. 100% 100% 100% 100% Prince Street, Inc. 100% 100% 100% 100% Verenigd Koninkrijk Modulyss UK Ltd. 100% 100% 100% 100% Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 209 Toelichting 38. Transacties met verbonden partijen De Vennootschap kan in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening transacties aangaan met haar aandeelhouders en andere entiteiten die in het bezit zijn van haar aandeelhouders. Deze transacties omvatten onder meer financieringsovereenkomsten en professionele, advies-, consultancy- en andere zakelijke diensten. De Vennootschap heeft in het kader van haar bedrijfsuitoefening overeenkomsten gesloten met een aantal van haar dochterondernemingen en verbonden ondernemingen. Deze overeenkomsten hebben betrekking op productie, verkooptransacties, dienstverlening en financieringsovereenkomsten en werden marktconform gesloten. Transacties tussen de Vennootschap en haar dochterondernemingen, die verbonden partijen zijn, zijn geëlimineerd in de consolidatie en worden derhalve niet behandeld in deze Toelichting. Vergoeding aan managers op sleutelposities Het management op sleutelposities betekent het Managementcomité van de Groep dat bestaat uit personen die de bevoegdheid hebben en verantwoordelijk zijn voor het plannen, sturen en controleren van de activiteiten van de Groep. De vergoeding voor managers op sleutelposities omvat alle vaste en variabele bezoldigingen en andere voordelen die voorgesteld worden in overige kosten en langetermijn-personeelsbeloningen die beschreven staan in integratie- en herstructureringskosten. (In duizend €) 2024 2023 Totaal vergoedingen aan managers 1.802 1857 op sleutelposities Personeelsbeloningen op korte 1.476 1.697 termijn Vergoedingen Raad van Bestuur 327 160 We verwijzen naar het 'Corporate Governance' voor informatie over de bezoldiging van bestuurders en leden van het Managementcomité van de Groep. Er waren geen andere transacties met verbonden partijen. Toelichting 39. Totaal vergoedingen betaald aan de commissaris van de Groep (In duizend €) 2024 2023 Auditgerelateerde diensten 579 460 Audit van de Groep volgens wettelijke 579 460 verplichtingen (incl. CSRD) Niet-auditgerelateerde diensten 102 36 Belastingdiensten 27 22 Overige diensten 75 14 Totale vergoedingen betaald aan de 680 496 commissaris van de Groep Toelichting 40. Gebeurtenissen na de verslagperiode Er hebben zich geen volgende gebeurtenissen voorgedaan die een aanzienlijke impact kunnen hebben op de jaarrekening van de Groep per 31 december 2024. Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 210 6. Verkorte versie van de statutaire jaarrekening van Belysse Group NV De statutaire balans en het statutaire overzicht van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode afgesloten op 31 december 2024 van Belysse Group NV worden hieronder in verkorte vorm weergegeven. De boekhoudregels die gebruikt worden voor de statutaire jaarrekening van Belysse Group NV verschillen van de boekhoudregels die gebruikt worden voor de geconsolideerde jaarrekening: de statutaire jaarrekening volgt de Belgische wettelijke vereisten, terwijl de geconsolideerde jaarrekening de International Financial Reporting Standards volgt. Het managementverslag van de Raad van Bestuur aan de algemene aandeelhoudersvergadering en de statutaire jaarrekening van Belysse Group NV, evenals het verslag van de commissaris, zullen binnen de wettelijke termijnen bij de Nationale Bank van België worden neergelegd. Deze documenten zijn beschikbaar op de website www.belysse.com en kunnen kosteloos worden aangevraagd. Het verslag van de commissaris is zonder voorbehoud en bevestigt dat de niet-geconsolideerde jaarrekening van Belysse Group NV voor het jaar eindigend op 31 december 2024 een getrouw beeld geeft van de financiële situatie en de resultaten van de onderneming in overeenstemming met alle wettelijke en reglementaire voorschriften. (In duizend €) 2024 2023 Vaste activa 280.241 280.241 Financiële activa 280.241 280.241 Totaal vaste activa 280.241 280.241 Vorderingen op ten hoogste één jaar 360 1.383 Liquide middelen 2.813 3.102 Totaal vlottende activa 3.174 4.485 Totaal activa 283.415 284.726 (In duizend €) 2024 2023 Maatschappelijk kapitaal 260.590 260.590 Uitgiftepremie 65.660 65.660 Overige reserves 147.125 147.125 Overgedragen resultaten (190.291) (190.398) Totaal eigen vermogen 283.083 282.977 Handels- en overige schulden 331 1.749 Totaal schulden op korte termijn 331 1.749 Totaal eigen vermogen en passiva 283.415 284.726 (In duizend €) Periode eindigend op 31 december 2024 Periode eindigend op 31 december 2023 Overige inkomsten 779 2.503 Overige kosten (762) (2.539) Bedrijfswinst / (-verlies) 16 (36) Financiële opbrengsten 105 98 Financiële kosten (15) (12) Winst / (verlies) over de periode 106 50 Belastingopbrengsten / (-uitgaven) - - Winst / (verlies) over de periode na belastingen 106 50 Het resultaat van het jaar werd toegewezen aan de overgedragen resultaten die wachten op de goedkeuring van de aandeelhouders. PwC Bedrijfsrevisoren BV - PwC Reviseurs d'Entreprises SRL - Financial Assurance Services Maatschappelijke zetel/Siège social: Culliganlaan 5, B-1831 Diegem Vestigingseenheid/Unité d'établissement: Sluisweg 1 bus 8, B-9000 Gent T: +32 (0)9 268 82 11, F: +32 (0)9 268 82 99, www.pwc.com BTW/TVA BE 0429.501.944 / RPR Brussel - RPM Bruxelles / ING BE43 3101 3811 9501 - BIC BBRUBEBB / BELFIUS BE92 0689 0408 8123 - BIC GKCC BEBB 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 211 VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING VAN AANDEELHOUDERS VAN BELYSSE GROUP NV OVER DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING VOOR HET BOEKJAAR AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 2024 In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Belysse Group NV (de “Vennootschap”) en haar filialen (samen “de Groep”), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening en de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Het vormt één geheel en is ondeelbaar. Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 24 mei 2023, overeenkomstig het voorstel van de raad van bestuur uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2025. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep uitgevoerd gedurende 8 opeenvolgende boekjaren. Verslag over de geconsolideerde jaarrekening Oordeel zonder voorbehoud Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2024 omvat, alsook het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd mutatie-overzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum, en de toelichting met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. Deze geconsolideerde jaarrekening vertoont een geconsolideerd balanstotaal van EUR’000 320.279 en een winst over de periode (Houders van eigenvermogensinstrumenten) van EUR’000 10.573. Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de geconsolideerde financiële toestand van de Groep per 31 december 2024, alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de Internationale Financiële Rapporteringsstandaarden zoals aangenomen door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. Basis voor het oordeel zonder voorbehoud Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA’s) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door de IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op de huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd zijn op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie “Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening” van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid. Wij hebben van de raad van bestuur en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen. 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 212 Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Kernpunten van de controle Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden. Waardering van Europese goodwill en overige Europese (im)materiële vaste activa Beschrijving van het kernpunt van de controle Belysse Group heeft op de balans een aanzienlijk bedrag aan Europese goodwill, namelijk EUR 30,4 miljoen, en aan overige Europese (im)materiële vaste activa. Conform IFRS is de Vennootschap verplicht om het bedrag van de goodwill minstens jaarlijks te toetsen op bijzondere waardevermindering. De bijzondere waardeverminderingstest is voor onze controle van belang vanwege de complexiteit van deze testen en omdat de met zulk een toetsing gepaard gaande inschattingen en veronderstellingen worden beïnvloed door in de toekomst verwachte economische en marktevoluties. De belangrijkste veronderstellingen betreffen de groeiratio’s van opbrengsten en de verwachte winstverbeteringen. Onze auditbenadering met betrekking tot het kernpunt van de controle We hebben zowel de kasstroomprojecties die voor de testen op bijzondere waardevermindering gehanteerd zijn als de wijze waarop die projecties tot stand gekomen zijn aan een kritische beoordeling onderworpen. Voor onze controle hebben we bovendien een kritische evaluatie en toetsing uitgevoerd met betrekking tot de veronderstellingen, de methodologieën, de gewogen gemiddelde kapitaalkost en andere gebruikte gegevens, bijvoorbeeld door deze te vergelijken met externe en historische gegevens, zoals externe verwachtingen inzake marktgroei, en door sensitiviteitsanalyses uit te voeren op Belysse Group’s waarderingsmodel. We hebben de historische juistheid van de door het management gehanteerde schattingen en ondernemingsplan geëvalueerd door de prognose van het voorgaande boekjaar te vergelijken met de effectieve resultaten van de Vennootschap. Voor deze werkzaamheden hebben we beroep gedaan op waarderingsspecialisten. We hebben bijzondere aandacht besteed aan de sensitiviteit van de marge tussen de realiseerbare waarde en van de boekwaarde van de kasstroom genererende eenheden; hierbij zijn we nagegaan of een redelijkerwijs mogelijke wijziging in veronderstellingen ertoe zou kunnen leiden dat de boekwaarde groter is dan de desbetreffende realiseerbare waarde. De kans dat zulk een wijziging zich effectief zal voordoen hebben we met het management besproken. Daarnaast hebben we de toereikendheid van de informatieverschaffing (toelichting 5) gecontroleerd. Op basis van onze sensitiviteitsanalyse achten wij de kans dat wijzigingen tot bijzondere waardeverminderingsverliezen zullen leiden klein. 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 213 Onzekere fiscale posities en de recupereerbaarheid van uitgestelde belastingactiva Beschrijving van het kernpunt van de controle Belastingen op het resultaat zijn voor onze controle belangrijk omdat onzekere fiscale posities moeilijk in te schatten zijn en omdat de betrokken bedragen materieel zijn voor de geconsolideerde jaarrekening als geheel. De Vennootschap is de voorbije jaren bij meerdere kapitaalmarkt gerelateerde transacties betrokken geweest. Bovendien is ze actief in tal van rechtsgebieden met een verschillende wetgeving en fiscale regelgeving waar de respectieve belastingautoriteiten zich wat verrekenprijzen tussen filialen van de Groep betreft, kritisch zouden kunnen opstellen. De verwerking van de fiscale posities gaat gepaard met een aanzienlijke mate van inschattingen die de Vennootschap dient te maken inzake de erkenning van deze onzekere fiscale posities en de passende bepaling van uitgestelde belastingvorderingen en belastingverplichtingen. Verwijzend naar toelichting 2 heeft het management de onzekere fiscale posities aan een grondige beoordeling onderworpen, wat ertoe geleid heeft dat een voorziening voor deze onzekerheden aangelegd is ten bedrage EUR 2,9 miljoen. Hoe onze audit het kernpunt van de controle behandelde We hebben de volledigheid en juistheid van de (uitgestelde) belastingen getest, inclusief de beoordeling van de onzekere fiscale posities en uitgestelde belastingen, op basis van de ontwikkelingen die in 2024 hebben plaats gevonden. Daarnaast hebben we voor de relevante zaken de fiscale opinies geëvalueerd die de Vennootschap van externe experten bekomen heeft. Voorts hebben we een beroep gedaan op onze lokale auditkantoren, alsook lokale belastingexperts, voor filialen in regio’s met verhoogde fiscale onzekerheden. Wat de uitgestelde belastingactiva betreft, hebben we de gehanteerde veronderstellingen geanalyseerd en getest om te bepalen in hoeverre het waarschijnlijk is dat de uitgestelde belastingactiva zullen worden gerealiseerd. Tijdens onze werkzaamheden hebben we ons hiervoor gebaseerd op onder meer budgetten, prognoses en de fiscale wetgeving. We hebben vastgesteld dat de inschattingen die de Vennootschap gehanteerd heeft met betrekking tot de fiscale onzekerheden van de Groep consequent gehanteerd zijn en aansluiten bij onze verwachtingen. Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de Internationale Financiële Rapporteringsstandaarden zoals aangenomen door de Europese Unie zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die de raad van bestuur noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten. Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is de raad van bestuur verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij de raad van bestuur het voornemen heeft om de Groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen, of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen. Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA’s is uitgevoerd altijd 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 214 een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden. Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na, dat van toepassing is op de controle van de jaarrekening in België. Een wettelijke controle biedt evenwel geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de Groep, noch omtrent de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee de raad van bestuur de bedrijfsvoering van de Groep ter hand heeft genomen of zal nemen. Onze verantwoordelijkheden inzake de door de raad van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling worden hieronder beschreven. Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA’s, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit: ● het identificeren en inschatten van de risico’s dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico’s inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het omzeilen van de interne beheersing; ● het plannen en uitvoeren van de groepsaudit om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfseenheden binnen de Groep als basis voor het vormen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de sturing, supervisie en beoordeling van de uitgevoerde controlewerkzaamheden met het oog op de groepsaudit. Wij blijven als enige verantwoordelijk voor ons oordeel; ● het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep; ● het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door de raad van bestuur gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen; ● het concluderen of de door de raad van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de Groep zijn continuïteit niet langer kan handhaven; ● het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld; 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 215 ● het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de Groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel. Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle. Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen. Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving. Overige door wet- en regelgeving gestelde eisen Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening met inbegrip van de duurzaamheidsinformatie en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening. 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 216 Verantwoordelijkheden van de commissaris In het kader van onze opdracht en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA’s), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening te verifiëren, en verslag over deze aangelegenheden uit te brengen. Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening bevat de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie die het voorwerp uitmaakt van ons afzonderlijk verslag, dewelke een ‘Conclusie zonder voorbehoud’, betreffende de beperkte mate van zekerheid met betrekking tot deze duurzaamheidsinformatie inhoudt. Deze sectie betreft niet de assurance over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen. In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen tijdens de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, dienen wij u geen afwijking van materieel belang te melden. Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid ● Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep. ● De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening bedoeld in artikel 3:65 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening. Europees uniform elektronisch formaat (ESEF) Wij hebben ook, overeenkomstig de ontwerpnorm inzake de controle van de overeenstemming van het jaarrapport met het Europees uniform elektronisch formaat (hierna “ESEF”), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 (hierna: “Gedelegeerde Verordening”) en met het koninklijk besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt. De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van een jaarrapport, in overeenstemming met de ESEF vereisten, met inbegrip van de geconsolideerde financiële jaarrekening in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat (hierna “digitale geconsolideerde jaarrekening”). 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 217 Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwende informatie te verkrijgen om te concluderen dat het formaat en de markeertaal van de digitale geconsolideerde jaarrekening in alle van materieel belang zijnde opzichten voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening. Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het formaat van het jaarrapport en de markering van informatie in de digitale geconsolideerde jaarrekening opgenomen in het jaarrapport van Belysse Group NV per 31 December 2024, en die beschikbaar zullen zijn in het Belgische officiële mechanisme voor de opslag van gereglementeerde informatie (STORI) van de FSMA, in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening en het koninklijk besluit van 14 november 2007. Andere vermeldingen ● Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014. Gent, 23 april 2025 De commissaris PwC Bedrijfsrevisoren BV Vertegenwoordigd door Wouter Coppens Bedrijfsrevisor *Handelend in naam van Wouter Coppens BV Jaarrekening 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 218 8. Verklaring van de Raad van Bestuur Wij, de Raad van Bestuur, verklaren hierbij dat, voor zover wij weten, de geconsolideerde jaarrekening per 31 december 2024 opgesteld in overeenkomst met de International Financial Reporting Standards, zoals goedgekeurd door de Europese Unie, en met de in België van toepassing zijnde wettelijke voorschriften, een getrouw beeld geeft van de activa, de passiva, de financiële situatie en de winsten en verliezen van de Groep en de ondernemingen opgenomen in de consolidatie als geheel, en dat het managementverslag een getrouw beeld bevat van de ontwikkeling en de prestaties van de business en de positie van de Groep en de ondernemingen opgenomen in de consolidatie als geheel, samen met een beschrijving van de belangrijkste risico's en onzekerheden waarmee ze worden geconfronteerd. Glossarium 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 219 Glossarium Alternatieve prestatiemaatstaven Het management presenteert alternatieve maatstaven die niet door IFRS worden erkend omdat het van mening is dat deze maatstaven vaak door bepaalde beleggers, effectenanalisten en andere geïnteresseerde partijen worden gebruikt als aanvullende maatstaven om prestaties en liquiditeit te meten. De alternatieve prestatiemaatstaven zijn mogelijk niet vergelijkbaar met maatstaven met vergelijkbare namen van andere ondernemingen, kunnen als analytische hulpmiddelen beperkingen hebben en mogen niet autonoom in aanmerking worden genomen of worden gebruikt als vervanging voor een analyse van onze bedrijfsresultaten, onze prestaties of onze liquiditeit onder IFRS. Organische Groei wordt gedefinieerd als groei zonder (i) wisselkoerseffect, wat de omrekening van belangrijke buitenlandse entiteiten omvat en (ii) M&A-impact. Gecorrigeerde winst per aandeel wordt gedefinieerd als winst/(verlies) over de periode gecorrigeerd voor (i) het effect van de toewijzing van de aankoopprijs voornamelijk op voorraadwijzigingen, (ii) winsten op afstotingen van activa, (iii) integratie- en herstructureringskosten, (iv) niet- recurrente financieringskosten en (v) niet-recurrente belastingeffecten, gedeeld door het aantal aandelen van Belysse Group NV. Gecorrigeerde EBITDA wordt gedefinieerd als bedrijfswinst/(-verlies) gecorrigeerd voor (i) het effect van de toewijzing van de aankoopprijs vooral op voorraadwijzigingen, (ii) winsten op afgestoten activa, (iii) integratie- en herstructureringskosten, (iv) waardeverminderingen en afschrijvingen en (v) bijzondere waardeverminderingen en afboekingen. Gecorrigeerde EBITDA-marge wordt gedefinieerd als de Gecorrigeerde EBITDA als een percentage van de omzet. Gecorrigeerde bedrijfswinst/-verlies wordt gedefinieerd als bedrijfswinst/(-verlies) gecorrigeerd voor (i) het effect van de toewijzing van de aankoopprijs vooral op voorraadwijzigingen, (ii) winsten op afgestoten activa, (iii) integratie- en herstructureringskosten en (iv) bijzondere waardeverminderingen en afboekingen. Brutoschuld wordt gedefinieerd als (i) Term Facility aangepast voor de financieringskosten opgenomen in de boekwaarde, (ii) Notes die in 2030 vervallen en (iii) bank- en andere leningen aangepast voor geactiveerde financieringskosten. Nettoschuld wordt gedefinieerd zoals in de vorige periode als (i) Termijnlening, (ii) Notes die in 2030 vervallen, (iii) bank- en andere leningen (en waar genoteerd verplichten volgens IFRS 16), met aftrek van (iv) liquide middelen. Netto-investering of netto-investeringsuitgaven worden gedefinieerd als de som van alle investeringen in materiële en immateriële vaste activa, aangepast voor de opbrengsten van de verkoop van vaste activa. Schuldgraad (Leverage) wordt gedefinieerd als de verhouding tussen Nettoschuld en Gecorrigeerde EBITDA (beide exclusief de impact van IFRS 16 volgens de vorige rapportering, met uitzondering van sale-en-lease-back- transacties). Investeerdersrelaes 04 Jaarrekening Jaarverslag Belysse 2024 220 Overzicht We streven ernaar om alle spelers op de financiële markt transparante, duidelijke en tijdige informatie te bezorgen over de strategie, activiteiten en financiële resultaten van Belysse. Sinds de beursintroductie hebben we tijdens roadshows en conferenties op verschillende Europese locaties investeerders ontmoet. We hebben ook een aantal bedrijfsbezoeken georganiseerd, zowel in ons hoofdkantoor en Belgische productiefaciliteiten als bij onze Amerikaanse dochteronderneming Bentley. Aandeelhoudersstructuur De aandeelhoudersstructuur van Belysse Group NV, op basis van de verklaringen ontvangen in de periode tot 31 december 2024, is als volgt: Aandeelhouder Aantal Aandelen % LSF9 Belysse Holdco S.à r.l. 19.408.879 54,00% Prime AIFM Lux S.A. 2.529.400 7,04% DUMAC, Inc. 1.862.754 5,18% Management 83.500 0,23% Publieke aandeelhouders 12.058.863 33,55% Totaal 35.943.396 100% Aandelenprestaties De aandelen van Belysse noteren op Euronext Brussel. Het kalenderjaar eindigde met een beurskoers van € 0,64, 11% onder de beurskoers van € 0,72 aan het einde van 2023. Contact investeerders en pers [email protected] [email protected] Juridisch adviseur Hannes D’Hoop – [email protected] Belysse Group NV Franklin Rooseveltlaan 172-174 8790 Waregem België [email protected] www.belysse.com Financiële kalender 28 mei 2025 Jaarlijkse algemene vergadering 7 maart 2025 Resultaten volledig jaar 2024 5 september 2025 2025 Halfjaarlijkse resultaten 549300ZH4K23FNK8LI262024-01-012024-12-31549300ZH4K23FNK8LI262023-01-012023-12-31549300ZH4K23FNK8LI262024-12-31549300ZH4K23FNK8LI262023-12-31549300ZH4K23FNK8LI262022-12-31549300ZH4K23FNK8LI262022-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember549300ZH4K23FNK8LI262023-01-012023-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember549300ZH4K23FNK8LI262023-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember549300ZH4K23FNK8LI262022-12-31ifrs-full:SharePremiumMember549300ZH4K23FNK8LI262023-01-012023-12-31ifrs-full:SharePremiumMember549300ZH4K23FNK8LI262023-12-31ifrs-full:SharePremiumMember549300ZH4K23FNK8LI262022-12-31ifrs-full:AccumulatedOtherComprehensiveIncomeMember549300ZH4K23FNK8LI262023-01-012023-12-31ifrs-full:AccumulatedOtherComprehensiveIncomeMember549300ZH4K23FNK8LI262023-12-31ifrs-full:AccumulatedOtherComprehensiveIncomeMember549300ZH4K23FNK8LI262022-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember549300ZH4K23FNK8LI262023-01-012023-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember549300ZH4K23FNK8LI262023-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember549300ZH4K23FNK8LI262022-12-31ifrs-full:OtherReservesMember549300ZH4K23FNK8LI262023-01-012023-12-31ifrs-full:OtherReservesMember549300ZH4K23FNK8LI262023-12-31ifrs-full:OtherReservesMember549300ZH4K23FNK8LI262024-01-012024-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember549300ZH4K23FNK8LI262024-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember549300ZH4K23FNK8LI262024-01-012024-12-31ifrs-full:SharePremiumMember549300ZH4K23FNK8LI262024-12-31ifrs-full:SharePremiumMember549300ZH4K23FNK8LI262024-01-012024-12-31ifrs-full:AccumulatedOtherComprehensiveIncomeMember549300ZH4K23FNK8LI262024-12-31ifrs-full:AccumulatedOtherComprehensiveIncomeMember549300ZH4K23FNK8LI262024-01-012024-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember549300ZH4K23FNK8LI262024-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember549300ZH4K23FNK8LI262024-01-012024-12-31ifrs-full:OtherReservesMember549300ZH4K23FNK8LI262024-12-31ifrs-full:OtherReservesMemberiso4217:EURiso4217:EURxbrli:shares
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.