Annual Report • Mar 30, 2018
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
SECTORIEEL AANBOD 19 Producten en toepassingen
TECHNOLOGIE EN INNOVATIE 33 R&D 37 Engineering
38 VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR
Beste lezer,
2017 was voor Bekaert een jaar van solide groei. We behaalden meer dan 10% omzetgroei en overschreden voor het eerst in de geschiedenis de kaap van € 4 miljard geconsolideerde omzet.
Onze robuuste organische groei overschreed niet alleen de sectorgemiddelden in onze industrie, maar ook de algemene groei van het BBP. Bovendien creëerde onze groei meerwaarde met een rendement op het geïnvesteerde kapitaal (ROIC) ruim boven de gewogen gemiddelde kapitaalkosten (WACC) in 2017.
We boekten solide resultaten in EMEA en verdere margeverbetering in Noord-Amerika. Onze marges in de andere segmenten waren lager dan vorig jaar door diverse nadelige mix-effecten. De onderliggende EBIT daalde met 1% naar € 301 miljoen aan een marge op omzet van 7,3%. Onze onderliggende EBITDA bedroeg € 497 miljoen aan een marge van 12,1%. Het perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep steeg met 76% tot € 185 miljoen, of een winst per aandeel (EPS) van € 3,26.
We hebben de afgelopen jaren een grote transformatie doorgemaakt en het is niet eenvoudig om de impact hiervan te beoordelen op basis van de resultaten van één jaar, maar als we terugblikken wordt het duidelijk hoeveel er is veranderd. De wereldwijde deelname van onze medewerkers aan de globale transformatie van Bekaert naar betere prestaties heeft bijgedragen tot de collectieve kracht van onze onderneming. Onze teams voelen zich geëngageerd en zijn vol zelfvertrouwen om het steeds beter te doen en onze gezamenlijke ambities naar een steeds hoger niveau te tillen. Ons transformatietraject zal voortbouwen op wat we al hebben bereikt.
We beseffen dat dezelfde factoren die onze prestaties het voorbije jaar nadelig beïnvloedden, zullen blijven wegen op onze marges in 2018. We hebben er echter het volste vertrouwen in dat we onze rentabiliteit in de loop van het jaar zullen verbeteren en we weten wat we moeten doen om vooruitgang te boeken.
Matthew Taylor Gedelegeerd Bestuurder
Bert De Graeve Voorzitter van de Raad van Bestuur
beoogt; ons globaal veiligheidsprogramma, dat erop gericht is onze veiligheidsprestaties en -cultuur te verbeteren; en het onlangs toegevoegde 'Fit for Growth'-programma, dat de functionele uitmuntendheid en capaciteit doorheen Bekaert zal stimuleren.
» Daarnaast zullen we ook voordelen beginnen zien van de lopende expansie- en kostenefficiëntie-investeringen.
Daarom zijn we ervan overtuigd dat we onze rentabiliteit in de loop van het jaar progressief zullen verbeteren teneinde hetzelfde niveau van winstgevendheid te bereiken als in 2017. We blijven geloven dat de verbeteringen die we doorheen de onderneming implementeren ons in staat zullen stellen om op middellange termijn een onderliggende EBIT-marge van 10% te behalen.
We voeren en groeien onze business op een duurzame manier zodat al onze stakeholders er baat bij hebben. Een belangrijke component van het leveren van waarde aan onze aandeelhouders en het verdienen van hun vertrouwen op lange termijn is het laten terugvloeien van kapitaal op een consistente en transparante wijze. Op basis van de financiële resultaten van 2017 en het vertrouwen in de vastgelegde richting heeft de Raad van Bestuur beslist om aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders in mei 2018 een brutodividend van € 1,10 per aandeel voor te stellen.
We willen onze klanten, partners en aandeelhouders bedanken voor hun blijvend vertrouwen. En we willen onze medewerkers bedanken voor hun engagement, energie en onstuitbare gedrevenheid om onze competenties steeds te blijven verbeteren, als één Bekaert-team.
De verbeteringen die we in onze hele onderneming implementeren, zullen ons in staat stellen om op middellange termijn een onderliggende EBIT-marge van 10% te bereiken.
Matthew Taylor Gedelegeerd Bestuurder
Bert De Graeve Voorzitter van de Raad van Bestuur
De voornaamste taken van de Raad van Bestuur zijn het bepalen van het algemeen beleid van de onderneming, het goedkeuren van de strategie en het opvolgen van de activiteiten. De Raad van Bestuur is het belangrijkste beslissingsorgaan van de onderneming. Enkel aangelegenheden die door de wet of de statuten zijn voorbehouden aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, vallen niet onder zijn bevoegdheid. De Raad van Bestuur telt momenteel vijftien leden. Hun professioneel profiel omvat verschillende vakgebieden, zoals recht, business, industriële activiteiten, banking & investment banking, marketing & sales, technologie & engineering, HR en consultancy.
Bert De Graeve, Voorzitter Matthew Taylor, Gedelegeerd Bestuurder Celia Baxter (1) Alan Begg (1) Leon Bekaert
Grégory Dalle Charles de Liedekerke Christophe Jacobs van Merlen Hubert Jacobs van Merlen Maxime Jadot
Pamela Knapp (1) Martina Merz (1) Emilie van de Walle de Ghelcke Henri Jean Velge Mei Ye (1)
(1) Onafhankelijke bestuurders
Op 28 februari 2018 heeft de Raad van Bestuur de nominatie aangekondigd van de heer Colin Smith als bestuurder. Deze nominatie zal ter goedkeuring worden voorgedragen aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 9 mei 2018. Hij zal de heer Alan Begg vervangen die bij afloop van zijn bestuurstermijn het mandaat niet wenst te hernieuwen.
Het Bekaert Group Executive draagt de operationele verantwoordelijkheid voor de activiteiten van de onderneming en treedt op onder toezicht van de Raad van Bestuur. Het uitvoerend management wordt voorgezeten door Matthew Taylor, Gedelegeerd Bestuurder.
Op 1 september 2017 vervoegde mevrouw Rajita D'Souza Bekaert als Chief Human Resources Officer. Zij vervangt de heer Bart Wille die een nieuwe carrièrestap heeft genomen na 8 jaar dienst bij Bekaert.
Rajita D'Souza heeft de Indische nationaliteit en behaalde een master in de rechten van de Universiteit van Mumbai in India en een bachelor in businessmanagement. Ze begon haar carrière in 1993 als Manager Operations bij Reliance Consultancy Services in Mumbai, India. In 1997 trad ze in dienst bij General Electric, waar zij verschillende leidinggevende HR-functies met toenemende verantwoordelijkheid en reikwijdte bekleedde. In 2007 stapte Rajita over naar SABIC, waar ze directeur Human Resources van SABIC Europe werd. In 2011 werd ze benoemd tot Vice President Human Resources voor de EMEA-regio van The Goodyear Tire & Rubber Company.
Het Bekaert Group Executive telde negen leden in 2017 en was als volgt samengesteld:
Op 1 maart 2018 werd de heer Jun Liao benoemd tot Algemeen Directeur regio Noord-Azië en werd hij lid van het Bekaert Group Executive. Jun Liao, die de Chinese nationaliteit heeft, vervoegde Bekaert in 2014 als Senior Vice President Rubber Reinforcement North Asia. Hij heeft nu een deel van de verantwoordelijkheden van Curd Vandekerckhove overgenomen wiens rol als Algemeen Directeur Global Operations werd uitgebreid.
Van links naar rechts: Curd Vandekerckhove, Stijn Vanneste, Rajita D'Souza, Lieven Larmuseau, Matthew Taylor, Frank Vromant, Beatríz García-Cos Muntañola, Piet Van Riet en Geert Van Haver. Inzet: Jun Liao
Bekaert is een wereldmarkt- en technologisch leider in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën. Door het continu creëren van toegevoegde waarde streven we ernaar de voorkeursleverancier voor staaldraadproducten en -oplossingen te zijn voor onze klanten wereldwijd. Bekaert (Euronext Brussels: BEKB) werd opgericht in 1880 en is een globale onderneming die wereldwijd bijna 30 000 medewerkers telt, met hoofdzetel in België en met een gezamenlijke jaaromzet van 4,8 miljard euro.
Wij willen de beste zijn in het begrijpen van de toepassingen waarvoor onze klanten staaldraad gebruiken. De kennis over hoe onze staaldraadproducten functioneren in de productieprocessen en de producten van onze klanten, helpt ons immers om oplossingen te ontwikkelen en te leveren die het best aan hun vereisten voldoen – zo creëren we meerwaarde voor onze klanten.
Staaldraad transformeren en unieke deklaagoplossingen toepassen, dat zijn onze kernactiviteiten. Afhankelijk van de wensen van onze klanten trekken we draad in diverse diameters en sterktes, zelfs tot ultrafijne vezels van één micron. We bundelen draden tot koord, kabels en strengen, weven of breien ze tot een weefsel of verwerken ze tot een eindproduct. De coatings die we aanbrengen verminderen wrijving, verbeteren de corrosiebestendigheid of bevorderen de adhesie met andere materialen.
better together beschrijft de unieke samenwerking binnen Bekaert en tussen Bekaert en haar businesspartners. We creëren waarde voor onze klanten door het leveren en co-creëren van een kwaliteitsportfolio van staaldraadoplossingen en door het bieden van dienstverlening op maat in alle continenten. We geloven in blijvende relaties met onze klanten, leveranciers en andere stakeholders en we verbinden ons ertoe om hen langetermijnwaarde te leveren. We zijn ervan overtuigd dat het vertrouwen, de integriteit en de onstuitbare spirit die onze medewerkers wereldwijd verenigen als één team de fundamenten vormen van succesvolle partnerschappen waar ook ter wereld.
Onze strategie is erop gericht om consistent waarde te creëren voor onze aandeelhouders door op een kostenefficiënte manier superieure waarde te creëren voor onze klanten. Onze visie en kernstrategieën vormen de fundamenten van een transformatie van onze business naar een hoger prestatieniveau. Ze waren de basis van onze prioriteiten en acties in 2017 en zullen onze focus blijven sturen in de komende jaren. Om onze kernstrategieën een onmiddellijke focus te geven met specifiek toegewezen middelen en een nauwgezette opvolging van de vooruitgang, definiëren we ook onze Must Win Battles. Deze benadering was de afgelopen jaren heel succesvol. De Must Win Battles krijgen speciale aandacht van de hele organisatie. Ze nemen een belangrijke plaats in binnen de doelstellingen van individuele medewerkers en teams, wat essentieel is voor hun succes en de vooruitgang die we in ons transformatieproces boeken.
De lijst van vijf Must Win Battles wordt elk jaar geëvalueerd. Wanneer battles worden gewonnen of nieuwe transformatiestappen worden doorgevoerd, werken we de lijst bij. In 2017 hebben we Fit for Growth gedefinieerd als een nieuwe Must Win Battle en een belangrijk transformatieprogramma gericht op het bevorderen van functionele uitmuntendheid en bekwaamheid binnen heel Bekaert. Het zal ons helpen een wereldwijd toonaangevende organisatie te worden met een naadloze samenwerking tussen haar verschillende functies, regio's en platformen. Wij noemen dit Business Partnering.
Consistent met onze better together-aspiratie streven we er onophoudelijk naar om de voorkeursleverancier te zijn voor onze staaldraadproducten en –oplossingen. We doen dit door voortdurend superieure waarde te creëren voor onze klanten over de hele wereld.
Met deze visieverklaring heeft Bekaert expliciet haar speelveld vastgelegd: het beschrijft wat we willen zijn, waar we willen concurreren en investeren en hoe we ons willen onderscheiden.
Vijf kernstrategieën vormen de basis van Bekaerts prioriteiten en beslissingsprocessen die gericht zijn op het creëren van waarde en groei. Deze strategieën brengen onze visie in de praktijk en weerspiegelen de richting en prioriteiten voor de langere termijn:
Het Bekaert-kader voor jaarlijkse targets dat de objectieven, doelstellingen, strategieën en maatregelen voor het bedrijf en voor elke individuele medewerker vastlegt, hanteert de vijf kernstrategieën bij de jaarlijkse prioriteitenstelling voor elke werknemer. Als gevolg zijn alle vijf strategieën uitgegroeid tot prioriteiten binnen de persoonlijke ontwikkelingsacties en prestatiebeoordeling van elke werknemer.
Bekaert heeft altijd geloofd in samenwerking en co-creatie met klanten als drijfveren van duurzame partnerschappen en klantentevredenheid. Toch willen we beter doen en een echte klantgerichte organisatie worden. Deze strategie gaat over het verwerven van inzicht in wat waarde voor onze klanten betekent en op basis daarvan handelen. Het gaat erom onze klanten op de eerste plaats te zetten bij alles wat we doen, op elk niveau en waar ook ter wereld.
» Een jaar na de officiële lancering van het 'Bekaert Customer Excellence'-transformatieprogramma kwam BCE in 2017 echt op gang. Aan het einde van 2017 maakte ongeveer 75% van onze business er deel van uit en werd vooruitgang geboekt in verschillende fasen van het transformatieprogramma door de diverse businessplatformen en -cellen.
Een van de tastbare effecten van BCE is dat het programma veranderingen in onze klantenservicemodellen brengt zodat we beter op de behoeften van onze klanten kunnen inspelen. We zien de impact van het groeiend inzicht in de klanten, verbeterde tools, betere segmentatie en een uitdrukkelijke focus op waardecreatie voor de klant.
Terwijl het programma zich ontvouwt breiden we het gebruik van deze nieuwe inzichten en tools uit in onze commerciële manier van werken en vergroten we tegelijkertijd de impact.
Ter ondersteuning van het BCE-programma hebben we in 2017 de 'Commercial Excellence Academy' opgericht – een forum voor het continu verbeteren van onze commerciële capaciteiten en het inbedden van wat BCE in de manier van werken van onze commerciële teams heeft bijgebracht.
» Klantgerichtheid is een mindset bij alle werknemers. Dit gaat veel verder dan de bevoegdheden en rol van de verkooporganisatie of de directe commerciële relaties. Alle werknemers moeten begrijpen welke rol zij kunnen spelen om onze klanten in het hart van onze business te brengen.
Na een succesvolle editie van de Europese Week van de Klant in 2016 herhaalden we dit initiatief in 2017 en breidden we het concept uit naar andere regio's. Door middel van informatiesessies, workshops en klantenbezoeken hebben medewerkers van over de hele wereld geleerd wie onze klanten zijn en wat we kunnen bijdragen om ze beter van dienst te zijn.
BCE helpt om twee kernstrategieën van Bekaert te vervullen – 'De klant in het hart van onze business plaatsen' en 'Waardegedreven groei creëren' – aangezien het de verwezenlijking van vier belangrijke doelstellingen beoogt:
nog enthousiaster werden om bij te leren. Het concept van informatiestands werd ook gebruikt in Indonesië, waar een team van klantenambassadeurs informatie verschafte over de geschiedenis van de klanten met Bekaert en hoe er gezamenlijk groei werd gecreëerd.
In december 2017 organiseerde Bekaert in België een seminarie waarin de vertegenwoordigers van autoglasproducenten werden samengebracht om de recentste ontwikkelingen te bespreken. De focus lag eerder op het technische dan op het commerciële aspect, waardoor het verschilde van conferenties die de deelnemers doorgaans bijwonen. Bekaert, partnerleveranciers en klanten bespraken de nieuwe uitdagingen en toekomstige oplossingen.
» In november 2017 lanceerde Bekaert de eerste fase van een wereldwijde Net Promoter Score (NPS)-enquête. Het is de eerste keer dat deze enquête voor alle businessplatformen en op wereldwijde schaal wordt georganiseerd. NPSenquêtes worden gebruikt om de loyaliteit van klanten in te schatten door te meten hoe waarschijnlijk het is dat klanten Bekaert aan andere bedrijven, collega's of zakelijke partners zouden aanbevelen. In de eerste klantengroep betrof het onderzoek 50% van Bekaerts klanten die 80% van de omzet vertegenwoordigen. In de volgende fase (mei 2018) zal de resterende 50% gevraagd worden om deel te nemen. De coördinatie en analyse van de enquête worden uitgevoerd door een onafhankelijk onderzoeksagentschap, de ICMA Group.
Net Promoter Scores voor internationale B2B productiebedrijven bereiken gemiddeld 20% tot 30%. Bekaert was erg tevreden met het resultaat van de eerste fase van de wereldwijde NPS-enquête met een score van 50%, ver boven het gemiddelde. Nog belangrijker zijn echter de resultaten per businessactiviteit en regio, op basis waarvan we de klantrelaties en -uitmuntendheid beter kunnen begrijpen en verbeteren.
Bij de implementatie van deze strategie heeft Bekaert duidelijke prioriteiten gesteld van waar we willen groeien en hoe we superieure waarde kunnen bieden om ons te onderscheiden van de concurrentie.
een aantal van onze top businesses het maximale marktaandeel hebben bereikt of binnenkort zullen bereiken. Op basis van strategische marktsegmentatie en -inzicht hebben we een ambitiemodel gecreëerd dat ons zal helpen om een winnend businessportfolio op te bouwen door expansie vanuit de kern. In de loop van 2017 werden een aantal cases geïdentificeerd voor
Must Win Battle 'create a winning business portfolio': Bekaerts aanpak om een onmiddellijke focus te geven aan het creëren van een langetermijnperspectief
In april 2017 ontving Bekaert van Apollo de 'Global Business Partner of the Year Award'. Deze prijs beloont de leverancier die consistent goed presteert, het hoogste leveringsaandeel heeft en intensief meewerkt aan gezamenlijke ontwikkelingsprojecten. Het is een erkenning voor alle Bekaert-teams die betrokken zijn bij het verstrekken van topkwaliteit aan de Apollo-fabrieken in India en de Apollo Vredestein-fabriek in Nederland. Daarnaast heeft Apollo twee Europese Bekaert-vestigingen goedgekeurd als voorkeursleverancier van de nieuwste Apollo-bandenfabriek in Hongarije. Dit is nog maar eens een voorbeeld van het aansturen van waardegedreven groei samen met onze klanten.
en aangepakt worden. BCE helpt ons om inzicht te krijgen in onze klanten door voice-of-the-customeroefeningen en waardecurveanalyses. In sommige gevallen kunnen we waarde creëren door nieuwe producten
en toepassingen te ontwikkelen. In andere gevallen kunnen eenvoudige wijzigingen aan de verpakking waarde creëren doordat ze minder kosten en de verwerkingsefficiëntie voor onze klanten verhogen.
verdere verkenning. Het portfolio-ambitiemodel laat een transparante toekenning van middelen en sturing toe voor bedrijfsanalyse, investeringen, fusies en overnames, R&D en talentontwikkeling. Het geeft een langetermijnperspectief als drijfveer voor waardescheppende groei die zowel organische groei als overnames kan omvatten. Het doel is eenvoudig: we willen een leiderschapspositie nemen in de winnende markten van de toekomst.
» Een van de belangrijkste doelstellingen van het eerdergenoemde 'Bekaert Customer Excellence'-programma (BCE) gaat over het aansturen van duurzame, winstgevende groei door het leveren van superieure klantenwaarde. Vandaar dat het programma een belangrijke factor is voor het realiseren van deze strategie. In dit verband richt BCE zich op de ontwikkeling van gekwantificeerde waardevoorstellen, een verbeterde productportefeuille en concrete groeiplannen voor strategische segmenten. Een waardevoorstel werkt alleen als de echte onderliggende behoeften van de klant bekend zijn
Onze derde kernstrategie betreft het versnellen van Bekaerts technologisch leiderschap in overeenstemming met onze strategie om groei aan te sturen door waardecreatie. Co-creatie is een van de leidende principes: we helpen onze klanten om zich op hun markten te onderscheiden. Onze proces- en productontwikkelingsprojecten maken snelle vooruitgang en effectieve resultaten mogelijk in alle samenwerkingsprogramma's. Meer informatie vindt u in het hoofdstuk Technologie en Innovatie van dit Jaarverslag.
In 2017 ging de technologieshift van zaagdraad bijzonder snel. In de afgelopen jaren bekleedde Bekaert een leiderspositie in 2e generatie zaagdraad, een gestructureerde draad waardoor klanten efficiënter harde materialen kunnen versnijden met een lager verbruik van diamantsubstraat:
een duidelijk voorbeeld van vermindering van de totale kost. Maar de klanten hebben sneller dan verwacht de overstap gemaakt naar de 3e generatie zaagdraad: fixed abrasive zaagdraad of diamantdraad. Bij deze technologie worden minuscule diamantdeeltjes op een solide kerndraad bevestigd, waardoor een abrasief snijgereedschap ontstaat dat in talloze toepassingen kan worden gebruikt. Bekaert ging de uitdaging aan om een diamantdraad te ontwikkelen die zou uitblinken wat betreft prestaties, diameter en verwerkingskwaliteit. Het zaagdraadteam slaagde er in om een uiterst geavanceerde en betrouwbare oplossing te ontwikkelen. Daarbij gaf het team blijk van technologisch leiderschap en innovatiesnelheid:
alle belangrijke klanten hebben de Bekaert diamantdraadmonsters na uitgebreid testen goedgekeurd. We zijn nu de productiecapaciteit geleidelijk aan het verhogen en we zijn klaar om vanaf de tweede helft van 2018 een positie op het vlak van diamantdraad uit te bouwen.
Met deze kernstrategie willen we onze schaalvoordelen benutten door complexiteit te verminderen en standaardisatie te verhogen. We willen onszelf zo kosteneffectief mogelijk organiseren en zorgen voor een vermindering van de totale kost door doeltreffende proces- en productinnovaties.
Het engageren en empoweren van onze medewerkers zijn belangrijke succesfactoren op ons transformatietraject. We geven onze teams verantwoordelijkheden, bevoegdheden en aansprakelijkheden, en rekenen op de inzet van elke Bekaert-medewerker om de prestaties te verbeteren.
» In september 2017 heeft Bekaert een wereldwijde werknemersbevraging georganiseerd. Het was de eerste keer dat het bedrijf een enquête hield bij al haar werknemers over de hele wereld. Het thema van de enquête was 'Jouw mening telt' en we nodigden alle collega's van Bekaertdochterondernemingen (met uitzondering van de joint ventures en de Bridon-Bekaert Ropes Group-vestigingen) uit om deel te nemen. Dankzij een indrukwekkende respons van 91% waren we in staat om een duidelijk inzicht te krijgen in de mate van betrokkenheid van onze medewerkers en welke elementen hierbij een rol spelen. De totale betrokkenheidsscore van de 20 667 managers, bedienden en operatoren was 82%. Werknemers waardeerden vooral de cultuur van openheid voor verbetering, de empowerment die ze voelen bij het uitvoeren van hun job, de goede teamgeest en de bereidheid van hun team om dingen voor elkaar te krijgen. Kortom, de teamgeest is zeer goed. De enquête dient als barometer voor de betrokkenheid van de medewerkers en duidt verbeteringspunten aan die via concrete actieplannen zullen worden aangepakt. We zijn van plan om deze enquête elke twee jaar te herhalen.
Bekaert Lipetsk (Rusland) wijst de weg!
De uitstekende resultaten van Bekaert Lipetsk in het wereldwijde onderzoek naar werknemersbetrokkenheid trokken de aandacht van Bekaert-teams over de hele wereld. Hun benadering is uitgegroeid tot een inspirerend verhaal van empowerment en betrokkenheid binnen de Groep.
Alle 300 medewerkers van onze fabriek in Lipetsk worden gestimuleerd om altijd authentiek leiderschap tonen. Respect, zorg en vertrouwen vormen de basis van elke werkrelatie bij Bekaert Lipetsk en de afwezigheid van hiërarchische obstakels bevordert een zeer open communicatie. Het team voelt zich betrokken in plaats van gecontroleerd. Het enthousiasme van het team blijkt ook uit de prestaties van de fabriek. Bekaert Lipetsk leidt op vele manieren.
Bekaert is sterk aanwezig in verschillende sectoren. Daardoor zijn we minder gevoelig voor sectorspecifieke trends en is het ook een voordeel voor onze klanten. Oplossingen die we ontwikkelen voor klanten in één sector vormen namelijk ook vaak de basis voor innovaties in andere sectoren.
Bekaert staat in dienst van klanten in een veelheid aan sectoren met een uniek portfolio van getrokken staaldraadproducten, gecoat om zo optimaal mogelijk aan de toepassingsnoden te voldoen. Bekaerts staaldraad wordt gebruikt in auto's en vrachtwagens, in liften en mijnen, in tunnels en bruggen, thuis en op kantoor, in machines en offshore. Als iets rijdt, hijst, filtert, versterkt, afbakent of vastmaakt, dan is er een grote kans dat het Bekaert-producten bevat.
Meer informatie op bekaert.com
HOOFDSTUK 3
EMEA
De Europese economieën kenden in 2017 een groei van bijna 2,5%, de sterkste periode van economische groei in tien jaar tijd. De meeste landen zagen de groei van hun BBP meer stijgen dan de voorgaande jaren, met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk waar aanhoudende bezorgdheid over de gevolgen van de brexit en het trage proces tot de zwakste groei in vijf jaar leidden. De landen in Centraal-Europa kenden een sterke groei in 2017. De economische rugwind kwam van de sterke vraag van exportlanden, fiscale stimulusprogramma's, industriële en publieke investeringen en de krappe arbeidsmarkten.
Buiten de EU steeg de groei van het BBP in Turkije boven de 6%, ondersteund door overheidsmaatregelen om leningen en bestedingen aan te moedigen. In Rusland kende de economie terug een bescheiden groei dankzij de positieve wereldwijde groei, handelsherstel en stijgende olieprijzen.
De Europese automobielindustrie en bouwsector – sectoren die cruciaal zijn voor Europa en uitermate relevant voor de activiteiten van Bekaert – kenden in 2017 een blijvend sterke vraag. Nieuwe EU-registraties van zowel auto's als commerciële voertuigen overschreden 3% groei in 2017. Ook de bouwsector in de EU trok aanzienlijk aan in 2017 ten gevolge van het hoge consumenten- en businessvertrouwen, de gemakkelijke toegang tot financiering en de toename van investeringen in openbare infrastructuurwerken. Na de lange terugval in de olie- en gassector werd 2017 met hernieuwd zelfvertrouwen afgesloten. Olieprijzen zijn in de loop van het jaar gestegen en de uitvoer van gas vanuit Rusland naar Europa heeft een nieuw record behaald.
Bekaert is aanwezig in zowel de West-Europese als in de Centraal- en Oost-Europese markten. In Europa bieden we een hoogwaardige portefeuille van geavanceerde staaldraadproducten aan voor sectoren op zoek naar innovatieve producten en oplossingen van hoge kwaliteit.
Bekaerts activiteiten in EMEA behaalden 11% omzetgroei in 2017, gedreven door robuuste organische volumegroei (+7%) en het gezamenlijke effect van verrekende walsdraadprijsstijgingen en prijs-mix (+4%). De sterke automobiel-, bouw- en andere industriële markten stuwden de verkoopvolumes doorheen het jaar. De vraag naar gespecialiseerde staaldraden bleef vlak in vergelijking met 2016.
Bekaert EMEA leverde solide resultaten af in 2017. Onderliggende EBIT bedroeg € 141 miljoen, een herhaling van het record van 2016 in absolute cijfers. De marge was lager door enige vertraging in het verrekenen van walsdraadprijsstijgingen aan onze klanten – vooral in de zeer concurrentiële bouwmarkten – en door bijkomende kosten van aanwerving en training van personeel in het kader van de expansieprogramma's in Centraal- en Oost-Europa.
EMEA 2017
De investeringen in materiële vaste activa verdubbelden in vergelijking met vorig jaar tot € 115 miljoen en omvatten onder meer grote capaciteitsuitbreidingen in Roemenië, Slovakije en Rusland.
» Om aan de groei van de binnenlandse bandenindustrie in Rusland te beantwoorden, kondigde de Bekaertfabriek in Lipetsk in september 2017 haar plannen aan voor de uitbreiding van de staalkoordcapaciteit met 50% en het verdubbelen van de halfproductcapaciteit tegen midden 2018. Het hoofd van de Speciale Economische Zone in Lipetsk, de heer Koshelev Ivan Nikolajevitsj, benadrukte tijdens de aankondigingsceremonie het belang van de uitbreidingsinvesteringen van Bekaert voor de Russische bandensector. Tijdens het officiële bezoek van de Belgische premier Charles Michel aan de Russische Federatie in januari 2018, verwees Russisch premier Dmitry Medvedev uitdrukkelijk naar het Bekaertinvesteringsproject in Lipetsk als een mooi voorbeeld van businessontwikkeling met goede vooruitzichten.
» In oktober 2017 hield de Raad van Bestuur van Bekaert een van haar gewone vergaderingen in Roemenië. Bij die gelegenheid bezochten ze de Bekaert-fabriek in Slatina (Roemenië), die in volle expansie is. De fabriek breidt de capaciteit van staalkoord met 50% uit om aan de groeiende vraag te beantwoorden. De leden van de Raad van Bestuur bezochten er ook de fabrieken van onze klanten, Pirelli Tyre en Prysmian. Ze wandelden letterlijk doorheen de hele toeleveringsketen, van walsdraad tot eindproduct.
Minder dan anderhalf jaar na de eerstesteenlegging verhuisden Bekaert-teams van drie locaties naar het nieuwe hoofdkantoor van de Groep in Zwevegem (België). In de kantoren ontmoeten traditie en innovatie elkaar: ze bevorderen een dynamische manier van werken terwijl het erfgoed van het bedrijf alle eer wordt aangedaan. Een transparante hal verbindt de twee vleugels van het gebouw: de ene is een volledig nieuwe structuur, terwijl de andere een neogotisch gerenoveerd gebouw is dat ons terug brengt naar de tijd van de eerste Bekaert-nagelfabriek uit de vroege jaren 1900. Met zijn grote verticale ramen en bakstenen muren weerspiegelt het nieuwe gebouw de stijl van het originele gebouw, maar dan met een moderne, strakke twist. Het is een perfecte afspiegeling van de Bekaert-filosofie omdat een aantal van onze eigen producten werden gebruikt om de structuur te verstevigen: metselwapening Murfor® Compact en Dramix® vezelbeton voor de versteviging van de grondplaat. Het nieuwe hoofdkantoor zal oudere, minder energiezuinige gebouwen vervangen en voldoet aan de hoogste milieuvereisten.
Na een trage economische groei in 2016 en een zwak begin van 2017 nam de groei van het Amerikaanse BBP voor het volledige jaar toe tot een geschatte 2,3%. De hoge consumentenuitgaven en de toename in defensie-uitgaven gaven de groei een boost. De industriële productiecijfers waren goed dankzij een gestaag groeiende wereldwijde economie, een zwakkere Amerikaanse dollar waardoor de export aan concurrentiekracht won - en een bescheiden opleving in olieboringen. Wijzigingen aan het Amerikaanse fiscaal en handelsbeleid zorgden voor groeiende onzekerheid.
De Noord-Amerikaanse activiteiten van Bekaert noteerden 8% omzetgroei en een aanzienlijke rentabiliteitsverbetering. De volumegroei van 3% en de verrekende walsdraadprijsstijgingen en mix-effecten zorgden voor een organische groei van bijna 10%.
De automobiel-, industriële en gespecialiseerde staaldraadmarkten presteerden goed in 2017. Zoals verwacht waren de verkoopvolumes lager in het laatste kwartaal van het jaar door de gebruikelijke seizoenseffecten. De ongunstige effecten van de zwakkere USD in de tweede jaarhelft tastten zowel de omzet als de winstgevendheid aan, jaar-op-jaar.
De transformatieprogramma's in de regio hadden een wezenlijke impact op de prestaties van 2017. De gezamenlijke aanpak in de implementatie van manufacturing, supply chain en commercial excellence heeft geleid tot een sterkere organisatie, betere segmentatie, en verhoogde kostencompetitiviteit. De onderliggende EBIT steeg met 28% tot € 33 miljoen aan een marge van 6%. Het segment rapporteerde ook een substantiële verhoging van de EBITDA- en ROCE-marges ten opzichte van de vorige boekjaren.
De investeringsuitgaven (PP&E) bedroegen € 13 miljoen in Noord-Amerika. De belangrijke expansie voor de Rogers-fabriek in Arkansas werd opgeschort vanwege de onzekerheid over veranderingen aan het Amerikaanse handelsbeleid, die in de toekomst tot een belangrijke stijging van de kosten voor geïmporteerde walsdraad kunnen leiden. Bekaert moet grondstoffen of afgewerkte goederen in de VS importeren omdat de lokale staalfabrieken de specifieke walsdraadtypes die nodig zijn om staalkoord voor banden te produceren, niet kunnen leveren.
Het voorbije decennium zijn de markt, de klanten, de wetgeving en de concurrentie in de Noord-Amerikaanse regio aanzienlijk geëvolueerd. Door die veranderingen was het concurrentievermogen van ons bedrijfsmodel afgenomen. De winstgevendheid was naar een onaanvaardbaar peil gedaald en het Noord-Amerikaanse Bekaert-team heeft in 2016 een programma opgestart om die situatie om te keren. Hun streefdoel is om aan de toekomst voor Bekaert in Noord-Amerika te bouwen. Hun aanpak is een synthese van alle overige globale Must Win Battles die bij Bekaert zijn ingevoerd. Het team heeft een gerichte en ambitieuze groeiagenda en bouwt aan een organisatie van wereldklasse die wordt ondersteund door uitmuntendheid op het vlak van productie, klanten en partners en een uitgesproken passie om te winnen.
» In 2017 is het managementteam van Noord-Amerika begonnen met een tweede golf van projecten voor commercial excellence, gericht op businessplatformen en cellen die geen deel van de eerste golf uitmaakten. Door deze aanpak kon het team zijn tools en manier van werken verder verfijnen en de impact op een duurzame manier verhogen.
» Op twee na hebben alle productievestigingen in de VS het wereldwijde Bekaert-veiligheidsprogramma BeCare opgestart. Er wordt een plan voor de kantoren ontwikkeld, maar alle medewerkers die regelmatig in een fabriek aanwezig zijn, hebben een veiligheidsopleiding gekregen en een implementatierol te vervullen.
De Bekaert-vestiging in Orrville opende een extra productiehal naast de bestaande fabriek. Op deze extra site voegt Bekaert waarde toe die verder gaat dan staaldraadtransformatie, onder meer door precieze lengtes te snijden en draden te stansen en te frezen voor de klanten. Het nieuwe gebouw bevat duurzame infrastructuurelementen zoals energiezuinige verwarming, ledverlichting en een met Dramix® verstevigde vloer. Het gebouw is een open ruimte zonder dode hoeken. De volledige zichtbaarheid van alle kanten komt de veiligheid ten goede.
Als slechts één van vijf bedrijven in Noord-Amerika heeft Bekaert in Van Buren het TL9000-certificaat behaald. Tijdens de audit werd het kwaliteitsmanagementsysteem van de fabriek grondig onderzocht en elk aspect van het proces, van verkoop over planning tot productie en management, onder de loep genomen. Het certificaat is nodig voor toeleveranciers aan de telecomsector.
De groei van het BBP in Latijns-Amerika werd na een algemene krimp in 2016 licht positief, weliswaar ver verwijderd van de geschatte 3,5% wereldwijde groei voor 2017. Hogere olie- en grondstofprijzen, meer particuliere consumptie en het terugkeren uit recessie van de twee grote spelers, Brazilië en Argentinië, hebben in 2017 een bescheiden groei voor de regio aangestuurd.
Langdurige stakingen in de Chileense mijnen en de overstromingsschade in Peru hebben de economische groei in de eerste helft van het jaar afgeremd. Politieke en economische onzekerheid als gevolg van presidentsverkiezingen (Ecuador, Chili) en de impact van wijdverbreide corruptieschandalen op uitgaven voor openbare infrastructuur bemoeilijkten ook een echt herstel. In Venezuela werd de politieke, economische en humanitaire crisis nog erger.
Bekaert produceert in Latijns-Amerika een uitgebreide productenportefeuille bestemd voor de bouw, mijnbouw, landbouw en een brede waaier aan industriële en consumentenmarkten in de regio. Bekaert heeft 100%-dochterondernemingen en meerderheidsparticipaties in Costa Rica, Ecuador, Colombia, Venezuela, Peru, Chili en Brazilië, alsook joint ventures in Brazilië in een 45/55-partnerschap met ArcelorMittal.
Bekaert startte haar activiteiten in Latijns-Amerika in 1950. Vandaag vertegenwoordigen die bijna 30% van de gezamenlijke omzet.
In Latijns-Amerika daalde de geconsolideerde omzet met 1% ten opzichte van vorig jaar. De desinvestering van de entiteit in Sumaré vertegenwoordigde -5,5%. Door het zwakke economische klimaat in de regio daalde de vraag naar onze producten, wat resulteerde in een volumeverlies van -5,6% voor het jaar. Deze effecten werden op omzetniveau bijna volledig gecompenseerd door de impact van verrekende hogere walsdraadprijzen en licht positieve wisselkoerseffecten.
De winstgevendheid van het segment werd aangetast door het verslechterde economische klimaat in 2017. De onderliggende EBIT daalde met 18% door zwakke marktomstandigheden en kosteninflatie ten gevolge van onder meer protectionistische maatregelen van meerdere landen tegen de invoer van walsdraad. Het wegvallen van de verplichtingen in een bezwaarlijk leveringscontract hebben de impact van de desinvestering van de hoge-marge Sumaré-entiteit geneutraliseerd. De onderliggende EBIT-marge bereikte 8,2% voor het volledige jaar.
EBIT steeg met meer dan 20% tot € 80 miljoen dankzij de meerwaarde op de verkoop van 55,5% van de aandelen van de Sumaré-fabriek in Brazilië. Deze werd geïntegreerd in het BMB (Belgo-Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda) jointventurepartnerschap met ArcelorMittal.
(*) Geconsolideerde vennootschappen
Bekaert investeerde € 22 miljoen in materiële vaste activa, voornamelijk in Chili en Peru.
De joint ventures in Brazilië hebben een hogere omzet gerapporteerd als gevolg van de Sumaré-impact, de sterkere gemiddelde Braziliaanse real in vergelijking met vorig jaar en doorgevoerde prijsstijgingen voor grondstoffen. Het aandeel in de resultaten van joint ventures is door de integratie van de Sumaré-vestiging in het jointventurepartnerschap met 5,5% toegenomen.
Bekaerts activiteiten in Ecuador en Chili werden nadelig beïnvloed door de handelsbelemmeringen opgelegd op de import van walsdraad. Door deze 'salvaguardia'-maatregelen moesten we ons aankoopbeleid aanpassen terwijl plaatselijke sourcing niet altijd mogelijk is door de capaciteits- en kwaliteitsbeperkingen van lokale staalfabrieken. Dergelijke maatregelen resulteren gewoonlijk in hogere kosten die de concurrentiepositie van onze activiteiten en die van onze klanten nadelig beïnvloeden.
Bekaerts dochterondernemingen en joint ventures met ArcelorMittal in Brazilië hebben de cultuur van verandering omarmd via de verschillende transformatieprogramma's.
In 2017 werd het 'manufacturing excellence'-programma (BMS) van Bekaert geïmplementeerd in Costa Rica, Chili en Colombia, wat na eerdere implementaties in Ecuador, Peru en Brazilië een aanzienlijke uitbreiding van het toepassingsgebied betekent. Het 'customer excellence'-programma (BCE), ingevoerd met specifieke aandacht voor de bijzonderheden van de lokale markten en distributiemodellen, zal leiden tot commerciële uitmuntendheid en een betere samenwerking op regionaal niveau.
Om een enorm klantennetwerk te bereiken in een land dat van noord naar zuid meer dan 4000 km beslaat, heeft Prodalam, onze verkoop- en distributieorganisatie in Chili, met hoofdkantoor in Santiago, 35 'one-stop-shop'-vestigingen over het hele land. Bouwbedrijven, plaatsers van afsluitingen, doe-het-zelfzaken en andere klanten vinden hun weg naar een winkelervaring bij Prodalam die als winkelen bij een kleinhandel aanvoelt.
In Ecuador wordt het sociale woningbouwprogramma 'Casa para Todos' dat onze business in 2016 gunstig beïnvloedde, in 2018 weer geactiveerd. IdealAlambrec-Bekaert is klaar om de kansen te grijpen die uit dit programma zullen ontspruiten. Vorig jaar heeft onze dochteronderneming de uitgebreide bouwhandleiding met constructieplannen en gedetailleerd bouwadvies bijgewerkt in afwachting van een nieuw openbaar bouwprogramma dat de overheid in de loop van 2018 zal opstarten.
In Chili wordt in 2018 een beter economisch klimaat voor onze activiteiten verwacht. De stijging van de vraag op het einde van 2017, de politieke stabiliteit na de presidentsverkiezingen en meer overheidsinkomsten van hogere koper- en andere grondstofprijzen zijn een goed voorteken van een betere economie. Onze activiteiten zijn klaar om groeikansen van hogere consumptie-uitgaven en meer mijnbouwactiviteit – vooral ondergrondse mijnbouw – te benutten en een actieve rol te spelen in de groeiende aquacultuursector.
De komende verkiezingen in veel landen waaronder Brazilië, Venezuela, Paraguay, Colombia, Mexico en Costa Rica kunnen in 2018 voor vertraging zorgen van de uitvoering van grote infrastructuurprojecten. Fiscale en andere beleidshervormingen kunnen ook extra onzekerheden voor het businessklimaat in de regio creëren.
In het centrum van Santiago, Chili, doorkruisen de belangrijkste wegen de stad in een doorlopende reeks niet-overdekte wegen, halfopen en open tunnels. Om te vermijden dat voetgangers op niet-overdekte lagergelegen stukken wegdek vallen en om bestuurders te beschermen tegen steengooivandalisme, zijn tunnelingangen en -uitgangen en alle lagergelegen banen in open lucht beschermd door structuren gemaakt van staaldraadrasters. Deze worden door dochterondernemingen van Bekaert in Chili geproduceerd. Het is een aantrekkelijke oplossing die de verkeersveiligheid voor iedereen op de weg verhoogt.
De economie in China kende in 2017 een groei van 6,9%, de snelste groei sinds 2015 en de eerste heropleving sinds de neerwaartse trend die in 2010 begon. De economische groei was het resultaat van een heropleving van de industriële sector, een veerkrachtige vastgoedmarkt en sterke exportgroei.
Verstoringen veroorzaakt door demonetisatie en fiscale hervormingen in India leidden tot een lagere groei van het BBP dan in de voorgaande jaren. Met een groei van 6,7% in 2017 en betere vooruitzichten voor de komende jaren, blijft India echter een immens groeipotentieel tonen.
De economie in Indonesië, de grootste in Zuidoost-Azië en een van 's werelds grootste opkomende markten, bereikte in 2017 een mijlpaal toen het BBP 1 biljoen USD bereikte waardoor het de 16e grootste economie ter wereld werd.
Bekaert is in Azië aanwezig met productie- en ontwikkelingscentra in China, India, Indonesië, Maleisië en Japan.
Bekaert behaalde een organische omzetgroei van 12% in Pacifisch Azie, gedreven door solide volumegroei en een positief gezamenlijk effect van verrekende walsdraadprijsstijgingen en prijs-mix. Bekaerts rubberversterkingsplatform stond garant voor robuuste groei in de hele regio.
Verschillende ontwikkelingen verhinderden ons om de uitzonderlijke marge van vorig jaar te herhalen:
Deze elementen hadden een ongunstig effect op de algemene winstgevendheid in de regio in 2017. De onderliggende EBIT verminderde tot € 107 miljoen aan een marge van 9,3%, lager dan in 2016.
We hebben actie genomen om ons zaagdraadaanbod uit te breiden en een rol te spelen in de huidige technologieshift. In de loop van 2017 heeft Bekaert met succes een fixed abrasive zaagdraad ontwikkeld. Alle belangrijke klanten hebben onze productstalen getest en goedgekeurd. We investeren in productiecapaciteit om onze klanten vanaf midden 2018 te beleveren.
Anticiperend op aanhoudende groei in de regio heeft Bekaert in 2017 € 122 miljoen geïnvesteerd in materiële vaste activa, meer dan een verdubbeling ten opzichte van 2016. De expansies vonden plaats in China, India en Indonesië. Om beter gebruik te maken van onze schaalgrootte heeft Bekaert ook twee entiteiten gesloten die niet het potentieel hadden om waardecreërende groei te genereren: de Shah Alam-fabriek in Maleisië en de kleine staalkoordfabriek in Huizhou (China).
In 2017 werd het wereldwijde programma voor manufacturing excellence met succes geïmplementeerd in Ranjangaon (India), Ipoh (Maleisië) en Chongqing en Shanghai (China). De meeste Aziatische productielocaties hebben nu het 'Bekaert Manufacturing Excellence'-programma (BMS) doorlopen en de geïdentificeerde besparingen en verbetermogelijkheden zullen steeds meer invloed uitoefenen op onze concurrentiekracht.
Daarnaast zijn er de andere wereldwijde transformatieprogramma's van Bekaert: het programma voor customer excellence; het BeCare-veiligheidsprogramma; het 'supply chain excellence'-programma en de onlangs toegevoegde 'Fit for Growth'-transformatie worden door onze toegewijde en gepassioneerde teams in Azië omarmd.
In april 2017 heeft Bekaert de overname afgerond van de 50% aandelen van Ansteel in Bekaert Ansteel Tire Cord (Chongqing) Co. Ltd (BATC). Hierdoor is BATC is nu een 100%-dochteronderneming met de naam Bekaert (Chongqing) Steel Cord Co. Ltd (BCSC).
In juni 2017 werd in Weihai een nieuwe productiehal geopend als uitbreiding van onze bestaande staalkoordfabriek. Het greenfieldproject werd afgerond in slechts een half jaar en is gebouwd volgens de nieuwste normen in de sector. Een hoge mate van automatisering en andere innovatieve oplossingen maken van de nieuwe productiesite een 'fabriek van de toekomst'. Lokale en internationale technische en automatiseringsteams werkten samen om de hoogste niveaus van veiligheid, automatisering, flexibiliteit en kwaliteit te bereiken.
Bekaert heeft intensief geïnvesteerd en zal dat blijven doen in haar Ranjangaon-fabriek in India om de staalkoordcapaciteit in lijn met de groeiende vraag te verdubbelen en om de fabriek met halfproductcapaciteit uit te breiden, zodat deze niet langer halfproduct van andere Bekaert faciliteiten in Azië dient te importeren.
De China Rubber Industry Association (CRIA) gaf het Bekaert China-team een Contribution Award voor hun enorme inspanningen ter ondersteuning van het CRIA Green Tire Week-initiatief. CRIA waardeerde de inzet van Bekaert om lichtere, sterkere en betere staalkoord voor banden te ontwikkelen, wat een aanzienlijke bijdrage levert voor de ontwikkeling en promotie van ecologischere banden.
De markten voor mijnkabels zijn in de loop van 2017 licht gestegen dankzij meer mijnbouwactiviteit, gestimuleerd door hogere grondstofprijzen. De marktvraag voor kabels voor de offshore olie- en gassector bleef laag door het ontbreken van nieuwe investeringen.
Andere markten relevant voor de kabelactiviteiten zijn - onder andere - machinebouw (kranen en hijsapparatuur), bosbouw, visserij en de bouwsector. De lift-, distributieriem- en automobielmarkten die voor de advanced cords-activiteiten relevant zijn, bleven het in 2017 goed doen.
Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) behaalde 42% omzetgroei. De integratie van de Bridon-activiteiten sinds eind juni 2016 vertegenwoordigde een stijging van 38%. De voormalige Bekaert-activiteiten binnen BBRG leverden 5% organische groei, vooral door de volumetoename met bijna 4% dankzij dubbelcijferige groei in de advanced cords-business en een bescheiden volumegroei in de kabelactiviteiten.
De advanced cords-activiteiten presteerden sterk doorheen het jaar. De staalkabelactiviteiten in Noord-Amerika, Australië en Chili rapporteerden gaandeweg hogere verkoopvolumes dankzij de gestegen vraag in de mijnindustrie. De Europese en Braziliaanse entiteiten, die sterk afhankelijk zijn van olie, noteerden zeer zwakke omzetcijfers en resultaten doorheen het jaar.
De onderliggende EBIT was € 15 miljoen aan een marge van 3,3%. De winstgevendheid weerspiegelt de moeilijke marktomstandigheden in de olie- en gasmarkten en de marge-impact van de aanhoudend stijgende walsdraadprijzen. Het voorziene herstel van Bridon-Bekaert Ropes Group neemt meer tijd dan verwacht, enerzijds door het uitblijven van een heropleving in offshore olie- en gasactiviteiten en anderzijds door de trage omschakeling naar meer gediversifieerde marktsegmenten. Het orderboek voor onze staalkabelbusiness groeit geleidelijk maar levert gezien de tijdspanne van de leveringskalenders beperkte onmiddellijke groei-effecten op.
BBRG investeerde € 15 miljoen in materiële activa in 2017. De helft daarvan werd besteed aan investeringen in advanced cords-productiecapaciteit en de andere helft in staalkabelproductieplants wereldwijd.
Bridon-Bekaert Ropes Group 2017 Gezamenlijke omzet per sector
Het management van Bridon-Bekaert Ropes Group implementeert acties om de marktpositie te verstevigen en geleidelijk aan de voordelen te plukken van de uitgebreide schaalgrootte.
Bridon-Bekaert Ropes Group zet dezelfde transformatiemiddelen in die Bekaert met succes heeft toegepast. Deze programma's zullen een ommekeer helpen bewerkstelligen op het vlak van kostenefficiëntie, omzetgroei en margeherstel en zouden de performantie van het segment progressief moeten verhogen in de komende jaren.
Bovendien neemt het team het voortouw in de innovatie van synthetische en hybride kabels in afwachting van steeds veeleisendere onderzeese en mijnbouwtoepassingen en regelgevingen. Lees meer over de nieuwste ontwikkelingen in het hoofdstuk Technologie & Innovatie van dit jaarverslag.
Technologisch leiderschap en snelheid vormen een kernstrategie voor Bekaert. Onze activiteiten in dit domein richten zich op het creëren van toegevoegde waarde voor onze klanten ten gunste van het langetermijnsucces van onze business en al onze stakeholders. We werken samen met klanten en leveranciers over de hele wereld om zowel bestaande als nieuwe technologieën te ontwikkelen, te implementeren, te upgraden en te beschermen. We luisteren naar onze klanten, zodat we hun behoeften op het vlak van innovatie en verwerking begrijpen. Weten hoe onze producten functioneren in hun productieprocessen en eindproducten is uiterst belangrijk voor het ontwikkelen van oplossingen die toegevoegde waarde bieden.
Staaldraadtransformatie- en unieke deklaagtechnologieën vormen onze kerncompetenties. Om ons technologisch leiderschap hierin verder te versterken, investeert Bekaert intensief in onderzoek en ontwikkeling en beschouwen wij innovatie als een constante drijfveer in al onze activiteiten en processen.
Om ons technologisch leiderschap te behouden en te versterken, zoeken we voortdurend naar nieuwe oplossingen in staaldraadtransformatie- en deklaagtechnologieën. Door deze competenties te combineren beïnvloeden we de eigenschappen van staal zoals sterkte, buigzaamheid, vermoeiing, vorm, adhesie en corrosiebestendigheid.
Zelfs na 137 jaar ervaring blijft er veel te ontdekken in onze zoektocht naar de optimale bulk- en oppervlakte-eigenschappen van staaldraad. Door de synergieën tussen de competenties van onze technologen en die van onze onderzoeks- en zakenpartners te maximaliseren, kunnen we daadwerkelijk het verschil maken en oneindig veel mogelijkheden scheppen.
Bekaert heeft de jaarlijkse Allan B. Dove Memorial-medaille van Wire Association International (WAI) gewonnen. De paper 'Quenched and partitioned steel wires: process, characterization and properties' haalde het in de categorie 'Ferrous Division'. Wire Association International, Inc. is een globale technische organisatie voor professionals in de staaldraad- en kabelindustrie met als doel de verzameling en verspreiding van technische informatie, productiegegevens en algemene zakelijke informatie. Al sinds 1934 bekroont WAI jaarlijks de meest verdienstelijke technische publicaties over de productie van staaldraad.
» Bekaerts gamma van staalkoord met super- en ultrahoge treksterkte om banden te versterken, laat bandenfabrikanten toe om banden te produceren met een lager gewicht, een dunnere staalgordel en een lagere rolweerstand. Bovendien is staalkoord met ultrahoge treksterkte, wanneer de totale kost in acht wordt genomen, goedkoper dan de conventionele staalkoord die het vervangt. Dat resulteert in een lagere uitstoot van CO2 en minder brandstofverbruik voor de eindgebruiker. Bekaerts staalkoord met de hoogste treksterkte vermindert momenteel het gewicht van staalkoord in een band met 30% in vergelijking met staalkoord met een normale treksterkte. In 2017 heeft Bekaert met succes de marktpenetratie van deze staalkoordtypes met hogere toegevoegde waarde verdergezet. Bandenfabrikanten erkennen de waarde ervan omdat het hen toelaat om hoogwaardige banden te ontwikkelen aan een lagere kost.
» Bekaert heeft met succes een 3e generatie zaagdraadtechnologie en -product ontwikkeld. De diamantdraad, ontwikkeld door het zaagdraad-R&D-team in China, is door alle beoogde klanten getest en goedgekeurd. Deze succesvolle ontwikkeling is een illustratie van Bekaerts technologisch leiderschap en snelheid en zal onze zaagdraadbusiness voorbereiden op de toekomst.
» Bridon-Bekaert Ropes Group is een voorloper in de ontwikkeling van de meest innovatieve kabels.
Bekaert zoekt actief naar mogelijkheden voor samenwerking met strategische klanten, leveranciers en academische onderzoeksinstituten en universiteiten. In 2017 waren deze partnerschappen met name succesvol op het gebied van fysieke metallurgie, metallic coatings en modellering.
We danken het Vlaams Agentschap voor Innoveren en Ondernemen (VLAIO) en de Belgische federale regering. De subsidies en stimuli voor R&D-projecten met hooggeschoold wetenschappelijk personeel en onderzoekers in Vlaanderen zijn essentieel voor het behoud van R&D-activiteiten in België.
Via de afdeling voor 'innovatie en venturing' investeert Bekaert in fondsen die technologie op de voet volgen. In 2017 sloot Bekaert zich aan bij het Emerald Technology Ventures-fonds met een focus op geavanceerde materialen. Net als de andere fondsen waarin Bekaert investeert, biedt Emerald toegang tot veel start-upbedrijven waardoor het vroegtijdig inzicht krijgt in wat er gebeurt op het gebied van technologie.
Onze focus ligt op jonge bedrijven met een nieuwe technologie die de ontbrekende link zou kunnen zijn naar een project, of die onze processen kan verbeteren of nieuwe disruptieve kansen kan opleveren voor onze business. Wanneer we een relevante start-up opmerken, benaderen we deze voor een samenwerking waarbij beide partijen voordeel hebben. Dit kan door een licentie- of commerciële overeenkomst of door gezamenlijke ontwikkeling.
Een voorbeeld hiervan is de investering in Epoch Wires, een Britse start-up die supergeleidende draad produceert. Dit type draad zou de kosten van windturbines, MRI-scanners en de opslag van energie en transmissiesystemen sterk kunnen reduceren. Bekaert bracht managementexpertise en technische ondersteuning aan waardoor het jonge bedrijf meer research kon doen en commercieel kon uitbreiden.
Een ander aandachtspunt in innovatie is additive manufacturing, waarbij Bekaert de mogelijkheden verkent om waarde toe te voegen en het gebruik van 3D-printen van metaal of met metaal versterkte onderdelen te versnellen. Bridon-Bekaert Ropes Group toonde de weg door bij te dragen aan de bouw van de eerste 3D-geprinte betonbrug ter wereld.
In september 2017 werd Epoch Wires in de 'Manufacturing & Services Industry'-editie van The Parliamentary Review opgenomen. The Review is een reeks onafhankelijke publicaties opgesteld door bekroonde journalisten en experten uit de sector. The Parliamentary Review biedt een uitgebreid overzicht van best practices van Britse beleidsvormers en bedrijfsleiders. Elk jaar wordt de publicatie voorgesteld tijdens een gala in het Palace of Westminster.
In oktober 2017 werd de eerste 3D-geprinte betonnen brug ter wereld in Gemert (Nederland) officieel ingehuldigd. Tijdens het printproces werden advanced cords aan de brugonderdelen toegevoegd, zodat er geen trekspanning in het beton kan optreden. De ultrasterke en flexibele oplossing die door de Bridon-Bekaert-fabriek in Aalter (België) werd aangeleverd, was een FLEX 0,9-koord, fijner dan 1 mm.
Bekaerts eigen engineeringafdeling speelt een cruciale rol in de optimalisatie en standaardisering van onze productieprocessen en -machines. Naast het ontwerpen, produceren en integreren van beschikbare engineeringoplossingen, installeert en onderhoudt deze afdeling de kritische machine-uitrusting van onze fabrieken wereldwijd.
Bekaert kan dankzij haar engineeringafdeling snel op de vraag naar capaciteitsaanpassingen reageren. Omdat we de technologische behoeften kennen en begrijpen, zijn de doorlooptijden kort en is de flexibiliteit hoog.
Nieuwe machines combineren innovatieve oplossingen voor prestatieverbeteringen op verschillende vlakken, zoals productkwaliteit, prestatievermogen en flexibiliteit en kostenefficiëntie. Onze belangrijkste aandachtspunten zijn machineveiligheid, ergonomie en de impact op het milieu.
Onze ingenieurs en technici gebruiken hun uitgebreide ervaring om de 'Bekaert-fabriek van de toekomst' te helpen bouwen. Dit doen ze door hoogperformante innovatieve uitrusting te ontwikkelen tegen een lage operationele kost, machines die een minimale omstellingstijd vereisen en maximale automatiserings- en robotisatiemogelijkheden verzekeren. Er worden inspanningen geleverd om uitrusting te automatiseren, waardoor machineoperatoren hun expertise optimaal kunnen inzetten op taken met toegevoegde waarde.
Dankzij fabrieksautomatisering en productie-informatiesystemen (MES) kan de productiviteit geoptimaliseerd worden. Het toegenomen gebruik van sensoren en robotica getuigt van de interconnectie en digitalisering.
Geavanceerde sensoren en meetinstrumenten worden meer en meer in Bekaerts productie-uitrusting geïntegreerd om de specificatietoleranties in verschillende productiestappen te controleren. Dit verhoogt de testmogelijkheden voor Bekaert op het gebied van kwaliteitstesten in alle kritische procesfases en garandeert producten zonder gebreken voor onze klanten.
Bekaert Engineering neemt 'make-or-buy'-beslissingen op basis van verschillende factoren, waaronder kosteneffectiviteit, technologisch leiderschap en bescherming van intellectuele eigendom. Om dit te bereiken, screent het team actief de markt op nieuwe technologieën en trends en verkent het samenwerkingsmogelijkheden voor het continu verbeteren van de uitrusting en manufacturing excellence van Bekaert.
In lijn met de better together-filosofie werken de technische teams samen en stimuleren ze elkaar om voor en samen met de business de beste oplossingen te ontwikkelen en af te leveren. Aangemoedigd door de Must Win Battle 'Fit for Growth' richt Bekaert Engineering zich nog meer op waardescheppende innovatieve initiatieven.
Crossfunctionele teams bij Bekaert Engineering België, China en Slovakije namen deel aan een uitdaging om het totale kwaliteitsbeheer (TQM) te verbeteren. In een periode van acht maanden gingen de teams van een brainstorming naar het implementeren van ideeën voor verbetering.
Aan het einde van de uitdaging stelden de teams hun werk aan hun collega's voor. CEO Matthew Taylor beloonde het team dat de totale kwaliteitsmanagementwerkwijze het best toepaste, met de TQM-trofee.
in miljoen €
| Gezamenlijke cijfers | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2016 | 2017 | Delta |
| Omzet | 4 351 | 4 808 | 10,5% |
| Investeringen (materiële vaste activa) | 170 | 298 | 75,3% |
| Personeel op 31 december | 28 863 | 29 313 | 1,6% |
| in miljoen € | 2016 | 2017 | Delta |
|---|---|---|---|
| Winst- en verliesrekening | |||
| Omzet | 3 715 | 4 098 | 10,3% |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 260 | 318 | 22,3% |
| EBIT-onderliggend | 305 | 301 | -1,3% |
| Financieel resultaat | -111 | -93 | -16,2% |
| Winstbelasting | -62 | -69 | 11,3% |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures | 25 | 27 | 8,0% |
| Perioderesultaat | 112 | 183 | 63,4% |
| Groep | 105 | 185 | 76,2% |
| Minderheidsbelangen van derden | 7 | -2 | - |
| EBITDA-onderliggend | 513 | 497 | -3,1% |
| Afschrijvingen (materiële vaste activa) | 192 | 192 | - |
| Groep | 105 | 185 | 76,2% |
|---|---|---|---|
| Minderheidsbelangen van derden | 7 | -2 | - |
| EBITDA-onderliggend | 513 | 497 | -3,1% |
| Afschrijvingen (materiële vaste activa) | 192 | 192 | - |
| Waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen | 30 | - | - |
| Eigen vermogen | 1 598 | 1 583 | -0,9% |
|---|---|---|---|
| Vaste activa | 2 137 | 2 124 | -0,6% |
| Investeringen (materiële vaste activa) | 159 | 273 | 71,7% |
| Balanstotaal | 4 304 | 4 445 | 3,3% |
| Nettoschuld | 1 068 | 1 151 | 7,8% |
| Kapitaalgebruik (CE) | 2 650 | 2 664 | 0,5% |
| Werkkapitaal | 843 | 888 | 5,3% |
| Personeel op 31 december (FTE) | 25 572 | 25 784 | 0,2% |
| EBITDA op omzet | 13,0% | 12,4% |
|---|---|---|
| EBITDA-onderliggend op omzet | 13,8% | 12,1% |
| EBIT op omzet | 7,0% | 7,8% |
| EBIT-onderliggend op omzet | 8,2% | 7,3% |
| EBIT interest dekking | 3,9 | 4,0 |
| ROCE (EBIT op kapitaalgebruik) | 10,0% | 11,8% |
| ROE (winst op eigen vermogen) | 7,2% | 11,5% |
| Eigen vermogen op totaal activa | 37,1% | 35,6% |
| Nettoschuld op eigen vermogen | 66,8% | 72,7% |
| Nettoschuld op EBITDA | 2,2 | 2,3 |
5,2 5,3
EBIT op omzet
10
in %
8
6
6,0 6,3
7,0
8,2 7,8
7,3
| Omzet | 636 | 710 | 11,6% |
|---|---|---|---|
| Bedrijfsresultaat | 75 | 66 | -12,0% |
| Winst van het boekjaar | 64 | 71 | 10,9% |
| Investeringen (materiële vaste activa) | 12 | 26 | 116,7% |
| Afschrijvingen | 16 | 20 | 25,0% |
| Personeel op 31 december | 3 291 | 3 529 | 7,2% |
| Winstaandeel in consolidatie | 25 | 27 | 8,0% |
| Eigen vermogen | 142 | 165 | 16,2% |
(1) Het dividend is onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2018
| Kerncijfers per aandeel NV Bekaert SA |
2016 | 2017 | Delta |
|---|---|---|---|
| Aantal aandelen op 31 december | 60 347 525 60 373 841 | 0,04% | |
| Beurskapitalisatie op 31 december (in miljoen €) | 2 322 | 2 200 | -5,3% |
| Per aandeel | |||
|---|---|---|---|
| in € | 2016 | 2017 | Delta |
| EPS | 1,87 | 3,26 | 74,3% |
| Brutodividend* | 1,10 | 1,10 | - |
| Nettodividend** | 0,77 | 0,77 | - |
| Valorisatie |
| in € | 2016 | 2017 | Delta |
|---|---|---|---|
| Koers op 31 december | 38,49 | 36,45 | -5,3% |
| Koers (gemiddelde) | 37,07 | 42,05 | 13,4% |
* Onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2018
** Onderhevig aan de fiscale wetgeving van toepassing
| Onderliggend | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| EBIT-marge op omzet | 12,2% | 11,1% |
| EBITDA-marge op omzet | 17,4% | 15,9% |
| ROCE | 22,1% | 20,8% |
| EMEA |
|---|
| € 1 264 miljoen |
| Onderliggend | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| EBIT-marge op omzet | 5,1% | 6,0% |
| EBITDA-marge op omzet | 7,6% | 8,5% |
| ROCE | 11,7% | 14,9% |
| North America € 552 miljoen Gezamenlijke omzet |
12% |
|---|---|
| ------------------------------------------------------ | ----- |
| Onderliggend | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| EBIT-marge op omzet | 9,8% | 8,2% |
| EBITDA-marge op omzet | 13,0% | 11,1% |
| ROCE | 16,6% | 14,8% |
| Latin America € 1 394 miljoen Gezamenlijke omzet |
29% |
|---|---|
| -------------------------------------------------------- | ----- |
| Onderliggend | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| EBIT-marge op omzet | 11,3% | 9,3% |
| EBITDA-marge op omzet | 21,1% | 17,1% |
| ROCE | 12,2% | 10,9% |
| Pacifisch Azië € 1 144 miljoen Gezamenlijke omzet |
24% |
|---|---|
| --------------------------------------------------------- | ----- |
| Onderliggend | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| EBIT-marge op omzet | 4,1% | 3,3% |
| EBITDA-marge op omzet | 10,8% | 9,0% |
| ROCE | 3,4% | 3,1% |
OMZET
Joint ventures en geassocieerde ondernemingen
Naast de financiële informatie op IFRS-basis stelt Bekaert ook onderliggende prestatie-indicatoren van winstgevendheid en cash-generatie voor om een consistentere en beter vergelijkbare indicatie te geven van de financiële prestaties van de Groep. De onderliggende prestatie-indicatoren corrigeren de IFRS-cijfers voor de eenmalige impact van herstructureringskosten, provisies voor milieusaneringsprogramma's, bijzondere waardeverminderingen, M&A-gerelateerde vergoedingen en andere elementen die de analyse van de onderliggende prestaties van de Groep zouden vertekenen. 'REBIT' en REBITDA' - die de normale, 'onderliggende' bedrijfsprestaties reflecteren - worden nu respectievelijk 'EBIT-onderliggend' en 'EBIT-DA-onderliggend'(1). EBIT en EBITDA worden als dusdanig aangehaald of als 'EBIT-gerapporteerd' en 'EBITDA-gerapportereerd' ter verduidelijking.
Bekaerts onderliggende EBIT was € 301 miljoen, aan een marge van 7,3%. Het ongunstige mix-effect van de snel verzwakkende loose abrasive zaagdraadactiviteit en de tijd nodig om de voortdurend stijgende walsdraadprijzen te verrekenen waren de belangrijkste factoren die ons verhinderden om de organische volumegroei om te zetten in incrementele winstgevendheid. De impact van de vertraagde verrekening van walsdraadprijsstijgingen op onze marges was vooral aanzienlijk in het midden van het jaar. In het vierde kwartaal zijn we er beter in geslaagd de prijzen te verrekenen zonder volumeverlies.
De incrementele kostenbesparingen van de transformatieprogramma's en andere maatregelen hebben de integratie van de Bridon-activiteiten in de Bridon-Bekaert Ropes Group aan lager dan gemiddelde marges, en de desinvestering van de hoge-marge business in Sumaré (Brazilië) gecompenseerd.
Bekaert realiseerde in 2017 een geconsolideerde omzet van € 4,1 miljard, een stijging van 10,3% in vergelijking met vorig jaar. Organische volumegroei stuwde de omzet 3,4% hoger en het gezamenlijke effect van de verrekende hogere walsdraadprijzen en prijs-mix voegde +5,5% toe. Het netto-effect van fusies, overnames en desinvesteringen was +2,2% terwijl valutaschommelingen instonden voor -0,9%. De gezamenlijke omzet telde € 4,8 miljard voor het jaar, een stijging van 10,5% tegenover 2016 als gevolg van 7,5% organische groei, een beperkt netto-effect van fusies, overnames en desinvesteringen (+2,8%) en nagenoeg vlakke wisselkoerseffecten.
De Raad van Bestuur bevestigt het vertrouwen in de strategie en de toekomstperspectieven van de onderneming en zal aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 9 mei 2018 voorstellen om een brutodividend uit te keren van € 1,10 per aandeel, gelijk aan vorig jaar. Het dividend zal, na goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, betaalbaar worden vanaf 15 mei 2018.
Bekaert heeft een operationeel resultaat (onderliggende EBIT) geboekt van € 301 miljoen (tegenover € 305 miljoen in 2016). Dit stemt overeen met een marge op omzet van 7,3% (versus 8,2% in 2016). De eenmalige elementen bedroegen € 17 miljoen (in vergelijking met € -45 miljoen in 2016) en omvatten de meerwaarde op de verkoop van 55,5% van de aandelen van de voormalige volle dochteronderneming in Sumaré (€ +25,8 miljoen) en andere elementen die resulteerden in een netto-kost van € -8,8 miljoen.
Inclusief deze eenmalige elementen bedroeg de EBIT € 318 miljoen wat overeenkomt met een marge op omzet van 7,8% (tegenover € 260 miljoen of 7,0% in 2016). EBITDA-onderliggend bedroeg € 497 miljoen (12,1% marge) vergeleken met € 513 miljoen (13,8%). EBITDA bereikte € 510 miljoen, wat een EBITDA-marge op omzet vertegenwoordigt van 12,4% (versus 13,0%).
De gerapporteerde commerciële en administratieve kosten stegen met € 17 miljoen tot € 345 miljoen ten gevolge van fusies, overnames en desinvesteringen (€ 17,8 miljoen) en consultingkosten gerelateerd aan de transformatieprogramma's (€ 7,5 miljoen); effecten die gedeeltelijk gecompenseerd werden door lagere overheadkosten en de positieve impact van wisselkoersschommelingen. Kosten voor onderzoek en ontwikkeling bedroegen € 63 miljoen, in lijn met het jaar voordien. Andere bedrijfsopbrengsten en -kosten omvatten meerwaarden van bedrijfskasstroomafdekkingen, inkomsten uit overheids-
(1) Definities van financiële parameters zijn beschreven in het Financieel Overzicht van dit Jaarverslag.
subsidies en een daling van bijzondere waardeverminderingen ten opzichte van 2016.
De nettorentelasten bedroegen € -87 miljoen, € -14 miljoen hoger dan vorig jaar als gevolg van de stijging in de brutoschuld en een hogere gemiddelde rentevoet. Overige financiële opbrengsten en lasten bedroegen € -6,4 miljoen (ten opzichte van € -37,5 miljoen) en omvatten een winst van € 17,7 miljoen op de conversie-optie gelinkt aan de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2016 (tegenover een verlies van -37,4 miljoen in 2016).
De winstbelasting bedroeg € 69 miljoen, tegenover € 62 miljoen in 2016. De effectieve belastingsvoet daalde van 41,6% in het voorgaande jaar tot 30,8% in 2017.
Het aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen steeg van € 25 miljoen naar € 27 miljoen. Het omvat de integratie van de Sumaré-activiteiten in het jointventurepartnerschap vanaf de tweede helft van 2017.
Het perioderesultaat bedroeg bijgevolg € 183 miljoen in vergelijking met € 112 miljoen in 2016. Het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen van derden daalde van € 7 miljoen naar € -2 miljoen. Na aftrek van het deel toerekenbaar aan minderheidsbelangen bedroeg het perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep € 185 miljoen, vergeleken met € 105 miljoen vorig jaar. EPS (perioderesultaat per aandeel) steeg van € 1,87 in 2016 tot € 3,26.
Op 31 december 2017 vertegenwoordigde het eigen vermogen 35,6% van de totale activa, tegenover 37,1% in 2016. De nettoschuld op eigen vermogen (gearing ratio) bedroeg 72,7% (tegenover 66,8%).
De nettoschuld bedroeg € 1 151 miljoen, lager dan € 1 230 miljoen op 30 juni 2017 en hoger dan € 1 068 miljoen bij jaareinde 2016. De nettoschuld op de onderliggende EBITDA was 2,3 in vergelijking met 2,1 op 31 december 2016.
De nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten bedroegen € 244 miljoen, een afname ten opzichte van € 400 miljoen in 2016 ten gevolge van lagere cash-generatie en de cash-out-impact van het toegenomen werkkapitaal.
De kasstromen uit investeringsactiviteiten bedroegen € -226 miljoen (tegenover € -100 miljoen), waaronder € -277 miljoen voor substantieel hogere investeringen in immateriële en materiële vaste activa en € 20 miljoen door acquisities en desinvesteringen vergeleken met € 41 miljoen het jaar voordien.
Kasstromen uit financieringsactiviteiten bedroegen € 47 miljoen (tegenover € -302 miljoen in 2016) en waren het gevolg van de terugbetaling van een langetermijnlening die gecompenseerd werd door extra cash ontvangen uit de omzetting van de converteerbare obligatie.
De nettoschuld bedroeg € 1 151 miljoen, hetzij een stijging in vergelijking met € 1 068 miljoen bij jaareinde 2016 en een daling ten opzichte van € 1 230 miljoen op 30 juni 2017. De nettoschuld op onderliggende EBITDA was 2,3 ten opzichte van 2,1 op 31 december 2016. Zonder Bridon-Bekaert Ropes Group bedroeg de nettoschuld op onderliggende EBITDA 1,5 - onder ons doel van 2.0.
Bekaert investeert in alle werelddelen om de productiecapaciteit naar de nodige niveaus te brengen. Investeringen in materiële activa bedroegen € 273 miljoen in 2017 en omvatten grote expansieprogramma's voor staalkoord in EMEA en Pacifisch Azië.
Aanvullend op de 3 885 446 eigen aandelen op 31 december 2016 heeft Bekaert 172 719 eigen aandelen ingekocht in de loop van 2017. In 2017 werden in totaal 403 150 eigen aandelen aangeleverd in het kader van de uitoefening van 403 150 aandelenopties in het Stock Option Plan 2010-2014. 18 735 eigen aandelen werden aangeleverd in de context van het Bekaert Personal Shareholding Requirement Plan. Als gevolg daarvan bezat Bekaert 3 636 280 eigen aandelen op 31 december 2017.
Bekaerts activiteiten in EMEA behaalden 11% omzetgroei in 2017, gedreven door robuuste organische volumegroei (+7%) en het gezamenlijke effect van verrekende walsdraadprijsstijgingen en prijs-mix (+4%). De sterke automobiel-, bouw- en andere industriële markten stuwden de verkoopvolumes doorheen het jaar. De vraag naar gespecialiseerde staaldraden bleef vlak in vergelijking met 2016.
Bekaert EMEA leverde solide resultaten af in 2017. Onderliggende EBIT bedroeg € 141 miljoen, een herhaling van het record van 2016 in absolute cijfers. De marge was lager door enige vertraging in het verrekenen van walsdraadprijsstijgingen aan onze klanten – vooral in de zeer concurrentiële bouwmarkten – en door bijkomende kosten van aanwerving en training van personeel in het kader van de expansieprogramma's in Centraal- en Oost-Europa.
De eenmalige elementen bedroegen € +3 miljoen en hadden vooral betrekking op de terugname van bijzondere waardeverminderingen.
De investeringen in materiële vaste activa verdubbelden in vergelijking met vorig jaar tot € 115 miljoen en omvatten onder meer grote capaciteitsuitbreidingen in Roemenië, Slovakije en Rusland.
Bekaert verwacht een aanhoudend sterke vraag in de meeste markten en bijkomende voordelen uit de huidige expansieprogramma's. De gestaag stijgende olieprijzen kunnen in de nabije toekomst investeringsactiviteit in de oliemarkten aanwakkeren.
De Noord-Amerikaanse activiteiten van Bekaert noteerden 8% omzetgroei en een aanzienlijke rentabiliteitsverbetering. De volumegroei van 3% en de verrekende walsdraadprijsstijgingen en mix-effecten zorgden voor een organische groei van bijna 10%.
De automobiel-, industriële en gespecialiseerde staaldraadmarkten presteerden goed in 2017. Zoals verwacht waren de verkoopvolumes lager in het laatste kwartaal van het jaar door de gebruikelijke seizoenseffecten. De ongunstige effecten van de zwakkere USD in de tweede jaarhelft tastten zowel de omzet als de winstgevendheid aan, jaar-op-jaar.
De transformatieprogramma's in de regio hadden een wezenlijke impact op de prestaties van 2017. De gezamenlijke aanpak in de implementatie van manufacturing, supply chain en commercial excellence heeft geleid tot een sterkere organizatie, betere segmentatie, en verhoogde kostencompetitiviteit. De onderliggende EBIT steeg met 28% tot € 33 miljoen aan een marge van 6%. Het segment rapporteerde ook een substantiële verhoging van de EBITDA- en ROCE-marges ten opzichte van de vorige boekjaren.
De investeringsuitgaven (materiële vaste activa) bedroegen € 13 miljoen in Noord-Amerika.
In Latijns-Amerika daalde de geconsolideerde omzet met 1% ten opzichte van vorig jaar. De desinvestering van de entiteit in Sumaré vertegenwoordigde -5,5%. Door het zwakke economische klimaat in de regio daalde de vraag naar onze producten, wat resulteerde in een volumeverlies van -5,6% voor het jaar. Deze effecten werden op omzetniveau bijna volledig gecompenseerd door de impact van verrekende hogere walsdraadprijzen en licht positieve wisselkoerseffecten.
De winstgevendheid van het segment werd aangetast door het verslechterde economische klimaat in 2017. De onderliggende EBIT daalde met 18% door zwakke marktomstandigheden en kosteninflatie ten gevolge van onder meer protectionistische maatregelen van meerdere landen tegen de invoer van walsdraad. Het wegvallen van de verplichtingen in een bezwaarlijk leveringscontract hebben de impact van de desinvestering van de hoge-marge Sumaré-entiteit geneutraliseerd. De onderliggende EBIT-marge bereikte 8,2% voor het volledige jaar.
EBIT steeg met meer dan 20% tot € 80 miljoen dankzij de meerwaarde op de verkoop van 55,5% van de aandelen van de Sumaré-fabriek in Brazilië. Deze werd geïntegreerd in het BMB (Belgo-Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda) jointventurepartnerschap met ArcelorMittal.
Bekaert investeerde € 22 miljoen in materiële vaste activa, voornamelijk in Chili en Peru.
Bekaerts gecombineerde omzetstijging weerspiegelt de translatie-impact van een gemiddeld sterkere Braziliaanse real in vergelijking met vorig jaar en het verrekenen van hogere grondstofprijzen. Het aandeel in het resultaat van de joint ventures steeg met 5,5% door de integratie van de Sumaréentiteit binnen het jointventurepartnerschap in Brazilië.
Bekaert behaalde een organische omzetgroei van 12% in Pacifisch Azie, gedreven door solide volumegroei en een positief gezamenlijk effect van verrekende walsdraadprijsstijgingen en prijs-mix. Bekaerts rubberversterkingsplatform stond garant voor robuuste groei in de hele regio.
Verschillende ontwikkelingen verhinderden ons om de uitzonderlijke marge van vorig jaar te herhalen:
Deze elementen hadden een ongunstig effect op de algemene winstgevendheid in de regio in 2017. De onderliggende EBIT verminderde tot € 107 miljoen aan een marge van 9,3%, lager dan in 2016.
We hebben actie genomen om ons zaagdraadaanbod uit te breiden en een rol te spelen in de huidige technologie-shift. In de loop van 2017 heeft Bekaert met succes een fixed abrasive zaagdraad ontwikkeld. Alle belangrijke klanten hebben onze productstalen getest en goedgekeurd. We investeren in productiecapaciteit om onze klanten vanaf midden 2018 te beleveren.
Anticiperend op aanhoudende groei in de regio heeft Bekaert in 2017 € 122 miljoen geïnvesteerd in materiële vaste activa, meer dan een verdubbeling ten opzichte van 2016. De expansies vonden plaats in China, India en Indonesië. Om beter gebruik te maken van onze schaalgrootte heeft Bekaert ook twee entiteiten gesloten die niet het potentieel hadden om waardecreërende groei te genereren: de Shah Alamfabriek in Maleisië en de kleine staalkoordfabriek in Huizhou (China).
We verwachten dat de solide vraag in onze bandenmarkten zal aanhouden in 2018. We werken ook aan margeverbetering door progressief ons prijszettingsvermogen te herwinnen. Verder houden we rekening met een blijvend lage vraag voor loose abrasive zaagdraad in de eerste helft van 2018 en een positieve bijdrage van de lancering van fixed abrasive zaagdraad in de tweede jaarhelft.
Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) behaalde 42% omzet groei. De integratie van de Bridon-activiteiten sinds eind juni 2016 vertegenwoordigde een stijging van 38%. De voorma lige Bekaert-activiteiten binnen BBRG leverden 5% organische groei, vooral door de volumetoename met bijna 4% dankzij dubbelcijferige groei in de advanced cords-business en een bescheiden volumegroei in de kabelactiviteiten.
De advanced cords-activiteiten presteerden sterk doorheen het jaar. De staalkabelactiviteiten in Noord-Amerika, Australië en Chili rapporteerden gaandeweg hogere verkoopvolumes dankzij de gestegen vraag in de mijnindustrie. De Europese en Braziliaanse entiteiten, die sterk afhankelijk zijn van olie, noteerden zeer zwakke omzetcijfers en resultaten doorheen het jaar.
De onderliggende EBIT was € 15 miljoen aan een marge van 3,3%. De winstgevendheid weerspiegelt de moeilijke marktomstandigheden in de olie- en gasmarkten en de marge-impact van de aanhoudend stijgende walsdraadprij zen. Het voorziene herstel van Bridon-Bekaert Ropes Group neemt meer tijd dan verwacht, enerzijds door het uitblijven van een heropleving in offshore olie- en gasactiviteiten en ander zijds door de trage omschakeling naar meer gediversifieerde marktsegmenten. Het orderboek voor onze staalkabelbusi ness groeit geleidelijk maar levert gezien de tijdspanne van de leveringskalenders beperkte onmiddellijke groei-effecten op.
BBRG investeerde € 15 miljoen in materiële activa in 2017. De helft daarvan werd besteed aan investeringen in advanced cords-productiecapaciteit en de andere helft in staalkabelproductieplants wereldwijd.
Het management van Bridon-Bekaert Ropes Group imple menteert acties om de marktpositie te verstevigen en geleidelijk aan de voordelen te plukken van de uitgebreide schaalgrootte. Bridon-Bekaert Ropes Group zet dezelfde transformatiemiddelen in die Bekaert met succes heeft toe gepast. Deze programma's zullen een ommekeer helpen bewerkstelligen op het vlak van kostenefficiëntie, omzetgroei en margeherstel en zouden de performantie van het segment progressief moeten verhogen in de komende jaren.
In uitvoering van de oorspronkelijke, in 2004 gepubliceerde, Belgische Corporate Governance Code heeft de Raad van Bestuur op 16 december 2005 het Bekaert Corporate Governance Charter goedgekeurd.
Ingevolge de publicatie van de Belgische Corporate Governance Code 2009 heeft de Raad van Bestuur op 22 december 2009 besloten de Code 2009 als referentiecode voor Bekaert te hanteren en het Bekaert Corporate Governance Charter aan te passen. Het Bekaert Corporate Governance Charter werd verder aangepast door de Raad van Bestuur op 13 november 2014 en op 28 juli 2016 (het "Bekaert Charter").
Bekaert leeft in beginsel de Belgische Corporate Governance Code na, en legt in het Bekaert Charter en in deze Corporate Governance verklaring uit waarom ze afwijkt van enkele bepalingen ervan.
De Belgische Corporate Governance Code is beschikbaar op www.corporategovernancecommittee.be.
Het Bekaert Corporate Governance Charter is beschikbaar op www.bekaert.com.
De Raad van Bestuur bestaat momenteel uit vijftien leden, die door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd worden. Acht bestuurders zijn benoemd op voordracht van de hoofdaandeelhouder. De functies van Voorzitter en van Gedelegeerd Bestuurder worden nooit door dezelfde persoon uitgeoefend. De Gedelegeerd Bestuurder is het enig lid van de Raad met een uitvoerende functie. Alle andere leden zijn niet-uitvoerende bestuurders.
Vijf bestuurders zijn onafhankelijk op grond van de criteria van artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen en van bepaling 2.3 van de Belgische Corporate Governance Code: Celia Baxter (voor het eerst benoemd in 2016), Alan Begg (voor het eerst benoemd in 2008), Pamela Knapp (voor het eerst benoemd in 2016), Martina Merz (voor het eerst benoemd in 2016) en Mei Ye (voor het eerst benoemd in 2014).
De Raad van Bestuur heeft in 2017 zes gewone vergaderingen gehouden. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet, de statuten en het Bekaert Charter, behandelde de Raad van Bestuur in 2017 onder meer de volgende onderwerpen:
| Naam | Aanvang eerste mandaat |
Einde huidig mandaat als bestuurder |
Hoofdfunctie (2) | Aantal bijgewoonde gewone/buitengewone vergaderingen |
|---|---|---|---|---|
| Voorzitter | ||||
| Bert De Graeve(1) | 2006 | 2019 | NV Bekaert SA | 6 |
| Gedelegeerd Bestuurder | ||||
| Matthew Taylor | 2014 | 2018 | NV Bekaert SA | 6 |
| Leden voorgedragen door de hoofdaandeelhouder | ||||
| Leon Bekaert | 1994 | 2019 | Bestuurder van vennootschappen | 6 |
| Grégory Dalle | 2015 | 2019 | Gedelegeerd Bestuurder, Credit Suisse International, Investment Banking and Capital Markets |
6 |
| Charles de Liedekerke | 1997 | 2019 | Bestuurder van vennootschappen | 6 |
| Christophe Jacobs van Merlen | 2016 | 2020 | Gedelegeerd Bestuurder, Bain Capital Private Equity (Europe), LLP (UK) |
5 |
| Hubert Jacobs van Merlen | 2003 | 2019 | Bestuurder van vennootschappen | 6 |
| Maxime Jadot | 1994 | 2019 | Gedelegeerd Bestuurder en Voorzitter van het Directiecomité, BNP Paribas Fortis (België) |
6 |
| Emilie van de Walle de Ghelcke | 2016 | 2020 | Jurist, Sofina (België) | 6 |
| Henri Jean Velge | 2016 | 2020 | Bestuurder van vennootschappen | 6 |
| Onafhankelijke bestuurders | ||||
| Celia Baxter | 2016 | 2020 | Bestuurder van vennootschappen | 6 |
| Alan Begg | 2008 | 2018 | Bestuurder van vennootschappen | 6 |
| Pamela Knapp | 2016 | 2020 | Bestuurder van vennootschappen | 6 |
| Martina Merz | 2016 | 2020 | Bestuurder van vennootschappen | 6 |
| Mei Ye | 2014 | 2018 | Onafhankelijk bestuurder en adviseur van vennootschappen |
6 |
(1) Bert De Graeve werd voor het eerst benoemd als lid van de Raad van Bestuur in 2006. In 2014 werd hij Voorzitter van de Raad van Bestuur.
(2) Het curriculum vitae van de leden van de Raad van Bestuur is terug te vinden op www.bekaert.com.
De Raad van Bestuur heeft drie adviserende comités opgericht.
De samenstelling van het Audit en Finance Comité is conform artikel 526bis §2 van het Wetboek van vennootschappen: zijn vier leden zijn niet-uitvoerende bestuurders, en één lid, mevrouw Pamela Knapp, is onafhankelijk. De ervaring van mevrouw Knapp in boekhouding en audit blijkt uit haar vroegere posities als Chief Financial Officer van de afdeling Power Transmission and Distribution bij Siemens (van 2004 tot 2009) en Chief Financial Officer van GfK SA (van 2009 tot 2014). De leden van het Comité beschikken over een collectieve deskundigheid op het gebied van de activiteiten van de vennootschap. Het Comité wordt voorgezeten door de heer Hubert Jacobs van Merlen.
In afwijking op bepaling 5.2/4 van de Belgische Corporate Governance Code, volgens dewelke op zijn minst een meerderheid van de leden onafhankelijk moet zijn, is Bekaert van oordeel dat het Audit en Finance Comité de evenwichtige samenstelling van de voltallige Raad moet weerspiegelen.
De Gedelegeerd Bestuurder en de Chief Financial Officer zijn geen lid van het Comité, maar worden tot zijn vergaderingen uitgenodigd. Deze regeling waarborgt de noodzakelijke interactie tussen Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management.
| Naam | Einde huidig mandaat als bestuurder |
Aantal bijgewoonde gewone/buitengewone vergaderingen |
|---|---|---|
| Hubert Jacobs van Merlen | 2019 | 4 |
| Bert De Graeve | 2019 | 4 |
| Pamela Knapp | 2020 | 4 |
| Christophe Jacobs van Merlen | 2020 | 4 |
Het Comité heeft in 2017 vier gewone vergaderingen gehouden. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en van het Bekaert Charter behandelde het Comité voornamelijk de volgende onderwerpen:
De samenstelling van het Benoemings- en Remuneratiecomité is conform artikel 526quater §2 van het Wetboek van vennootschappen: zijn drie leden zijn niet-uitvoerende bestuurders, het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur, en zijn twee overige leden, mevrouw Celia Baxter en de heer Alan Begg, zijn onafhankelijk. De deskundigheid van het Comité op het gebied van remuneratiebeleid blijkt uit de relevante ervaring van zijn leden.
| Naam | Einde huidig mandaat als bestuurder |
Aantal bijgewoonde vergaderingen |
|---|---|---|
| Bert De Graeve | 2019 | 3 |
| Celia Baxter | 2020 | 3 |
| Alan Begg | 2018 | 3 |
Eén van de door de hoofdaandeelhouder voorgedragen bestuurders en de Gedelegeerd Bestuurder worden tot de vergaderingen van het Comité uitgenodigd zonder er lid van te zijn.
Het Comité vergaderde in 2017 driemaal. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en van het Bekaert Charter behandelde het Comité voornamelijk de volgende onderwerpen:
Het Strategisch Comité telt zes leden, waarvan er vijf niet-uitvoerende bestuurders zijn. Het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur, en bestaat voorts uit de Gedelegeerd Bestuurder en vier bestuurders.
| Naam | Einde huidig mandaat als bestuurder |
Aantal bijgewoonde vergaderingen |
|---|---|---|
| Bert De Graeve | 2019 | 3 |
| Leon Bekaert | 2019 | 3 |
| Charles de Liedekerke | 2019 | 3 |
| Maxime Jadot | 2019 | 3 |
| Martina Merz | 2020 | 3 |
| Matthew Taylor | 2018 | 3 |
Het Comité vergaderde in 2017 driemaal. Het besprak de strategie van Bekaert alsmede diverse strategische projecten.
De voornaamste kenmerken van de werkwijze voor het evalueren van de Raad van Bestuur, zijn Comités en de individuele bestuurders zijn beschreven in dit hoofdstuk en in paragraaf II.3.4 van het Bekaert Charter. De Voorzitter is belast met de organisatie van periodieke prestatiebeoordelingen door middel van een uitgebreide vragenlijst die betrekking heeft op:
In 2017 organiseerde de Voorzitter een prestatiebeoordeling van de werking van de Raad van Bestuur.
Sedert de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 11 mei 2016 voldoet de vennootschap aan de wettelijke vereiste dat ten minste één derde van de leden van de Raad van Bestuur van een ander geslacht is dan dat van de overige leden.
Bekaert werkt aan een aanwervings- en promotiebeleid dat erop gericht is de diversiteit, inclusief genderdiversiteit, geleidelijk aan te vergroten. Meer informatie is beschikbaar in het duurzaamheidsrapport van de Bekaert Groep.
Het Bekaert Group Executive (BGE) draagt de collectieve verantwoordelijkheid voor het bereiken van de langetermijn- en kortetermijndoelstellingen van de Groep. Het wordt voorgezeten door de Gedelegeerd Bestuurder en heeft de volgende evenwichtige samenstelling:
Op 1 september 2017 werd mevrouw Rajita D'Souza Chief Human Resources Officer en lid van het BGE.
De heer Jun Liao werd lid van het BGE op 1 maart 2018 en neemt de verantwoordelijkheid op voor de regio Noord-Azië.
Sedert 1 maart 2018 bestaat het BGE uit de volgende leden:
| Naam | Functie | Benoemd |
|---|---|---|
| Matthew Taylor | Gedelegeerd Bestuurder | 2013 |
| Rajita D'Souza | Chief Human Resources Officer | 2017 |
| Beatríz García-Cos | Chief Financial Officer | 2016 |
| Lieven Larmuseau | Algemeen Directeur Business Platformen Rubberversterking |
2014 |
| Jun Liao | Algemeen Directeur Noord-Azië | 2018 |
| Curd Vandekerckhove | Algemeen Directeur Globale Operaties |
2012 |
| Geert Van Haver | Chief Technology & Engineering Officer |
2014 |
| Stijn Vanneste | Algemeen Directeur Europa, Zuid-Azië en Zuidoost-Azië |
2016 |
| Piet Van Riet | Algemeen Directeur Business Platformen Industriële Producten en Gespecialiseerde Producten, Marketing en Commercial Excellence |
2014 |
| Frank Vromant | Algemeen Directeur Noord-Amerika en Latijns-Amerika |
2011 |
Volgens artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen moet een lid van de Raad van Bestuur de overige leden vooraf informeren over agendapunten waaromtrent het rechtstreeks of onrechtstreeks een met de vennootschap strijdig belang van vermogensrechtelijke aard heeft en moet het zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en de stemming daarover. Een dergelijk belangenconflict kwam in 2017 tweemaal voor, waarbij telkens de bepalingen van artikel 523 nageleefd werden.
Op 28 februari 2017 moest de Raad van Bestuur zich uitspreken over de vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder (o.a. over de voorgestelde korte termijn variabele vergoeding van € 636 694 uit hoofde van zijn prestatie in 2016 en de voorgestelde middellange termijn variabele vergoeding van € 181 913 uit hoofde van zijn prestatie tijdens de periode 2014- 2016). Uittreksel uit de notulen:
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité:
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad de middellange termijn variabele vergoeding goed uit hoofde van de prestatie tijdens de periode 2014-2016.
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad de doelstellingen goed voor de korte termijn variabele vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder voor 2017.
Op 18 december 2017 moest de Raad van Bestuur zich uitspreken over het aantal aandelenopties dat zou aangeboden worden aan de Gedelegeerd Bestuurder onder het SOP2015- 2017 aandelenoptieplan, alsook over de prestatiedoelstellingen met betrekking tot de performance share units die zouden worden toegekend in december 2017 onder het Performance Share Plan 2015-2017. De Raad besprak ook het toekomstige lange termijn motiveringsplan voor de periode 2018-2020. Uittreksel uit de notulen:
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad het aanbod aan de Gedelegeerd Bestuurder goed van 20 000 opties onder het SOP2015- 2017 aandelenoptieplan.
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad de voorgestelde prestatiedoelen goed voor de performance share units die in december 2017 zullen worden toegekend.
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad het voorstel goed om het huidige lange termijn motiveringsplan (zijnde combinatie van aandelenoptieplan en performance share plan) te herhalen voor een periode van drie jaar (2018-2020).
Het Bekaert Charter bevat gedragsregels met betrekking tot rechtstreekse en onrechtstreekse belangenconflicten van de leden van de Raad van Bestuur en van het BGE die buiten de werkingssfeer van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen vallen. Deze leden worden geacht met Bekaert verbonden partijen te zijn, en moeten jaarlijks melding maken van rechtstreekse of onrechtstreekse transacties met Bekaert of haar dochterondernemingen. Bekaert is niet op de hoogte van enig potentieel belangenconflict betreffende dergelijke transacties in 2017 (cfr. Toelichting 7.5 bij de geconsolideerde jaarrekening).
Conform bepaling 3.7 van de Belgische Corporate Governance Code heeft de Raad van Bestuur op 27 juli 2006 de Bekaert Dealing Code uitgevaardigd. Naar aanleiding van de Europese Verordening Marktmisbruik, heeft de Raad van Bestuur op 28 juli 2016 een nieuwe versie van de Bekaert Dealing Code goedgekeurd, met inwerkingtreding op 3 juli 2016. De Bekaert Dealing Code is integraal opgenomen in het Bekaert Charter als Appendix 4. De Bekaert Dealing Code legt de leden van de Raad van Bestuur, het BGE, het senior management en bepaalde andere personen beperkingen op inzake transacties in Bekaert financiële instrumenten tijdens gesloten periodes en sperperiodes. De Code bevat ook regels aangaande de openbaarmaking van uitgevoerde transacties door de leidinggevenden en hun nauw verbonden personen middels een melding aan de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA). De Algemeen Secretaris is de Dealing Code Officer voor de Bekaert Dealing Code.
Het remuneratiebeleid voor niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op aanbeveling van de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. Het beleid werd goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van 10 mei 2006, en gewijzigd door de Gewone Algemene Vergaderingen van 11 mei 2011 en van 14 mei 2014.
Het remuneratiebeleid voor de Gedelegeerd Bestuurder wordt bepaald door de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Gedelegeerd Bestuurder neemt aan deze procedure niet deel. Het Comité verzekert de conformiteit met het remuneratiebeleid van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder met de vennootschap. Een kopie van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder is op verzoek van een bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.
Het remuneratiebeleid voor de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder wordt bepaald door de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Gedelegeerd Bestuurder heeft een adviserende rol in deze procedure.
Het Comité verzekert de conformiteit met het remuneratiebeleid van het contract van elk BGE-lid met de vennootschap. Een kopie van elk contract is op verzoek van een bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.
De remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald op basis van zes gewone vergaderingen van de voltallige Raad van Bestuur per jaar. Een gedeelte van de remuneratie wordt betaald in functie van het aantal gewone vergaderingen dat de niet-uitvoerende bestuurder persoonlijk bijwoont.
Niet-uitvoerende bestuurders die lid zijn van een Comité van de Raad van Bestuur ontvangen een vergoeding voor elke Comité-vergadering die ze persoonlijk bijwonen. In zijn hoedanigheid van uitvoerend bestuurder ontvangt de Gedelegeerd Bestuurder die vergoeding niet.
Indien de Raad van Bestuur in een specifieke aangelegenheid de bijstand van een bestuurder verzoekt op grond van zijn/
haar onafhankelijkheid en/of bekwaamheid, is die bestuurder, voor elke sessie die een specifieke verplaatsing en tijd vergt, gerechtigd op een vergoeding gelijk aan het toepasselijke variabele bedrag voor een persoonlijk bijgewoonde vergadering van een Comité van de Raad van Bestuur.
Het concrete bedrag van de vergoeding van de bestuurders wordt door de Gewone Algemene Vergadering voor het lopende boekjaar bepaald.
De vergoeding van de bestuurders wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties om te verzekeren dat personen kunnen worden aangetrokken met competenties die aan de internationale ambities van de Groep beantwoorden.
Niet-uitvoerende bestuurders hebben geen recht op prestatiegebonden remuneratie zoals bonussen, aandelengerelateerde incentiveprogramma's op lange termijn, voordelen in natura of voordelen verbonden aan pensioenplannen, noch op enig ander type variabele remuneratie, met uitzondering van de vergoeding voor de persoonlijk bijgewoonde vergaderingen van de Raad van Bestuur of van een Comité.
Uitgaven die bestuurders redelijkerwijs in het kader van de uitoefening van hun taken doen, worden terugbetaald op voorlegging van genoegzame rechtvaardigingsstukken. Bestuurders worden geacht het uitgavenbeleid voor leden van de Raad van Bestuur in acht te nemen bij het doen van uitgaven.
De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur wordt bij de aanvang van zijn opdracht bepaald, en wel voor de duur van die opdracht. Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité wordt de vergoeding bepaald door de Raad van Bestuur onder voorbehoud van goedkeuring door de Gewone Algemene Vergadering.
In zijn voorstel moet het Comité rekening houden met een duidelijke omschrijving van de taken van de Voorzitter, het professionele profiel dat werd aangetrokken, de tijd die voor de Groep daadwerkelijk ter beschikking moet worden gesteld, en een gepaste remuneratie die aan de gestelde verwachtingen beantwoordt en die regelmatig wordt getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties. De Voorzitter heeft geen recht op een bijkomende vergoeding voor het bijwonen of voorzitten van een vergadering van een Comité van de Raad van Bestuur, omdat dit in zijn totale remuneratiepakket begrepen is.
De belangrijkste elementen van het remuneratiebeleid van de Groep voor het Uitvoerend Management zijn een basissalaris, een korte termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. De Groep biedt competitieve totale remuneratiepakketten aan met het doel het beste kader- en managementtalent aan te trekken en te behouden in elk deel van de wereld waar de Groep aanwezig is.
formen.
De remuneratie van de uitvoerende managers wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties.
Een sterke focus op prestatie en realisaties op Groeps- en individueel niveau wordt gereflecteerd in het korte termijn variabele vergoedingsprogramma, dat rechtstreeks gerelateerd is aan de jaarlijkse businessdoelstellingen. Het lange termijn variabele vergoedingsprogramma van de Groep moet managers en kaderleden belonen voor hun bijdrage tot de creatie van hogere aandeelhouderswaarde op termijn. Dit programma is typisch gerelateerd aan de prestatie van de vennootschap op langere termijn en met de toekomstige waardevermeerdering van de aandelen van de vennootschap. Het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder bestaat uit een basissalaris, een korte termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Het remuneratiepakket moet competitief zijn en op maat van de verantwoordelijkheden van een Gedelegeerd Bestuurder die aan het hoofd staat van een wereldwijd actieve industriële groep met diverse businessplat-
Het Benoemings- en Remuneratiecomité beveelt ieder jaar een aantal doelstellingen aan die rechtstreeks van het businessplan zijn afgeleid en die gebaseerd zijn op overige aan de Gedelegeerd Bestuurder toe te vertrouwen prioriteiten. Die doelstellingen bevatten zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen, en worden over een vooraf bepaalde periode gemeten (tot drie jaren ver). Die doelstellingen, alsmede de eindejaarsbeoordeling van de realisaties, worden door het Benoemings- en Remuneratiecomité gedocumenteerd en aan de voltallige Raad van Bestuur voorgelegd. De eindbeoordeling leidt tot een waardering door de Raad van Bestuur, gebaseerd op gemeten resultaten, van alle prestatiegebonden elementen uit het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder.
Het remuneratiepakket van de andere uitvoerende managers dan de Gedelegeerd Bestuurder bestaat uit een basissalaris, een korte termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Het remuneratiepakket moet competitief zijn en op maat van de rol en de verantwoordelijkheden van elke uitvoerende manager, die tot het BGE behoort dat leiding geeft aan een wereldwijd actieve industriële groep met diverse businessplatformen.
De Gedelegeerd Bestuurder evalueert de prestatie van ieder ander lid van het BGE, en legt zijn prestatiewaardering voor aan het Benoemings- en Remuneratiecomité. Die evaluatie gebeurt jaarlijks op basis van gedocumenteerde doelstellingen die rechtstreeks van het businessplan zijn afgeleid en die rekening houden met de specifieke verantwoordelijkheden van elk lid van het BGE.
De realisaties die op basis van die doelstellingen gemeten worden, bepalen alle prestatiegebonden elementen uit het remuneratiepakket van elk ander lid van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder. De objectieven bevatten zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen, en worden over een vooraf bepaalde periode gemeten (tot drie jaren ver).
Het concrete bedrag van de vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE wordt bepaald door de Raad van Bestuur op gemotiveerde aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
De lange termijn variabele vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE bestaat uit het aanbod van een variabel aantal opties op aandelen volgens de regels van een aandelenoptieplan en de toekenning van een vast aantal performance share units volgens de regels van een performance share plan.
De Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE nemen deel aan het Personal Shareholding Requirement Plan, in het kader waarvan vereist wordt een persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap op te bouwen en aan te houden en waarbij de vennootschap de investering van het lid van het BGE in aandelen van de vennootschap in jaar x tegemoetkomt via een directe toekenning van eenzelfde aantal aandelen in de vennootschap aan het eind van jaar x + 2.
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de bestuurders werden toegekend door de vennootschap of haar dochtervennootschappen met betrekking tot 2017 wordt in de tabel hierna op individuele basis vermeld.
De vergoeding van de Voorzitter voor de uitoefening van al zijn opdrachten in de vennootschap was een vast brutobedrag van € 250 000.
De vergoeding van elke bestuurder, behalve de Voorzitter, voor de uitoefening van zijn opdracht als lid van de Raad van Bestuur bestond uit een vast bedrag van € 42 000 en uit een variabel bedrag van € 4 200 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van de Raad van Bestuur (met een maximum van € 25 200 voor zes vergaderingen per jaar).
De vergoeding van de Voorzitter van het Audit en Finance Comité, voor de uitoefening van de opdracht als Voorzitter en als lid van het Comité, bestond uit een variabel bedrag van € 4 000 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van het Comité.
De vergoeding van elke bestuurder, behalve de Voorzitter en de Gedelegeerd Bestuurder, voor de uitoefening van zijn opdracht als lid van een Comité van de Raad van Bestuur bestond uit een variabel bedrag van € 3 000 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van het Comité.
| Variabele aanwezigheidsvergoeding |
Variabele aanwezigheidsvergoeding |
|||
|---|---|---|---|---|
| in € | Vaste vergoeding | Raad van Bestuur | Comités | Totaal |
| Voorzitter | ||||
| Bert De Graeve | 250 000 | 250 000 | ||
| Bestuurders | ||||
| Celia Baxter | 42 000 | 25 200 | 9 000 | 76 200 |
| Alan Begg | 42 000 | 25 200 | 9 000 | 76 200 |
| Leon Bekaert | 42 000 | 25 200 | 9 000 | 76 200 |
| Grégory Dalle | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 |
| Charles de Liedekerke | 42 000 | 25 200 | 9 000 | 76 200 |
| Christophe Jacobs van Merlen | 42 000 | 21 000 | 12 000 | 75 000 |
| Hubert Jacobs van Merlen | 42 000 | 25 200 | 16 000 | 83 200 |
| Maxime Jadot | 42 000 | 25 200 | 9 000 | 76 200 |
| Pamela Knapp | 42 000 | 25 200 | 12 000 | 79 200 |
| Martina Merz | 42 000 | 25 200 | 9 000 | 76 200 |
| Matthew Taylor | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 |
| Emilie van de Walle de Ghelcke | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 |
| Henri Jean Velge | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 |
| Mei Ye | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 |
Totaal vergoedingen bestuurders 1 280 600
In zijn hoedanigheid van bestuurder heeft de Gedelegeerd Bestuurder recht op dezelfde remuneratie als de niet-uitvoerende bestuurders, behalve de vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van Comités van de Raad van Bestuur, waarvoor hij geen vergoeding ontvangt (cfr. de bovenstaande tabel). De door de Gedelegeerd Bestuurder in zijn hoedanigheid van bestuurder ontvangen vergoeding is begrepen in zijn basissalaris dat in de tabel in punt 6 hierna is vermeld.
Het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE bevat volgende prestatiegebonden elementen:
De criteria om de prestaties te evalueren voor de korte termijn en de lange termijn variabele vergoeding zijn omzet, het bedrijfsresultaat (EBIT), werkkapitaal, groei van de aandelenprijs, niet-financiële doelstellingen, gecombineerd met specifieke geïndividualiseerde doelstellingen.
Tegen pari niveau, bedraagt de waarde van de elementen van de variabele vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het BGE meer dan 25% van hun totale vergoeding. Meer dan de helft van de totale betaling van deze variabele vergoeding is gebaseerd op criteria over een periode van minimum drie jaar.
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks door de vennootschap of haar dochtervennootschappen aan de Gedelegeerd Bestuurder werden toegekend voor zijn opdracht als Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2017 wordt hierna vermeld.
| Matthew Taylor | Remuneratie(1) | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Basissalaris | € 779 145 | Bevat Belgisch basissalaris en alle Belgische en buitenlandse bestuursvergoedingen(2) |
| Korte termijn variabele vergoeding |
€ 477 521 | Jaarlijkse variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2017 |
| Middellange termijn variabele vergoeding |
€ 95 504 | Middellange termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2015-2017 |
| Lange termijn variabele vergoeding: |
||
| - toekenning van aandelenopties |
30 000 opties | Aantal toegekende aandelenopties |
| - performance share units |
16 500 units | Aantale toegekende performance share units |
| Pensioen | € 155 384 | Toegezegde bijdrageregeling |
| Andere remuneratie elementen |
€ 55 353 | Bevat bedrijfswagen en verzekeringen |
(1) Met betrekking tot 2017.
(2) Het basissalaris is inclusief de vergoeding door de Gedelegeerd Bestuurder ontvangen in zijn hoedanigheid van bestuurder.
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder werden toegekend door de vennootschap of haar dochtervennootschappen met betrekking tot 2017 wordt hierna op globale basis vermeld.
| Remuneratie(1) | Opmerkingen | |
|---|---|---|
| Basissalaris | € 2 848 250 | Bevat Belgisch basissalaris en alle Belgische en buitenlandse bestuursvergoedingen |
| Korte termijn variabele vergoeding |
€ 1 444 453 | Jaarlijkse variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2017 |
| Middellange termijn variabele vergoeding |
€ 181 236 | Middellange termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2015-2017 |
| Lange termijn variabele vergoeding: |
||
| - toekenning van aandelenopties |
90 500 opties | Aantal toegekende aandelenopties |
| - performance share units |
22 500 units | Aantal toegekende performance share units |
| Pensioen | € 480 602 | Toegezegde bijdrage en toegezegde pensioenregeling |
| Andere remuneratie elementen |
€ 128 954 | Bevat bedrijfswagen en verzekeringen |
(1) Met betrekking tot 2017.
Het aantal performance share units en het aantal aandelenopties dat in 2017 aan de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE werd toegekend, en het aantal aandelenopties dat in 2017 door hen werd uitgeoefend of is vervallen, wordt op individuele basis in de onderstaande tabel vermeld.
De in 2017 aan de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE toegekende aandelenopties zijn gebaseerd op het SOP2015-2017 aandelenoptieplan dat in 2015 door de Raad van Bestuur werd voorgesteld en door een Bijzondere Algemene Vergadering werd goedgekeurd. Het plan biedt opties tot verwerving van bestaande aandelen van de vennootschap aan. Er vindt één gewoon aanbod van opties plaats in december in elk van de jaren 2015 tot en met 2017, en de opties worden toegekend op de zestigste dag volgend op de dag van het aanbod (d.i. in februari van het jaar daarop).
Het aantal aan te bieden opties wordt ieder jaar door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité bepaald. Het aantal aan elke individuele begunstigde aan te bieden opties is ten dele variabel, op basis van een beoordeling van de langetermijnbijdrage van de betrokken persoon tot het succes van de vennootschap.
De opties worden gratis aan de begunstigden aangeboden. Elke aanvaarde optie verleent de houder het recht op verwerving van één bestaand aandeel van de vennootschap tegen betaling van de uitoefenprijs, die definitief wordt bepaald ten tijde van het aanbod en die gelijk is aan het laagste van: (i) de gemiddelde slotkoers van de aandelen van de vennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die de dag van het aanbod voorafgaan, of (ii) de laatste slotkoers die de dag van het aanbod voorafgaat.
De uitoefenprijs van de in december 2016 aangeboden en in februari 2017 toegekende aandelenopties bedraagt € 39,426 per aandeel.
Onder voorbehoud van de gesloten periodes en de sperperiodes voor de handel in aandelen en van het planreglement kunnen de opties uitgeoefend worden vanaf het begin van het vierde jaar na de datum van hun aanbod tot het einde van het tiende kalenderjaar na de datum van hun aanbod.
De aandelenopties die in 2017 uitoefenbaar waren, zijn gebaseerd op de eerste vier toekenningen onder het SOP2010- 2014 aandelenoptieplan en de plannen die het SOP2010- 2014 aandelenoptieplan voorafgingen. De bepalingen van die plannen zijn gelijkaardig aan die van het SOP2015-2017 aandelenoptieplan, met dien verstande dat de aan werknemers toegekende opties onder de plannen voorafgaand aan het SOP2010-2014 aandelenoptieplan de vorm hadden van warrants die de houders het recht verlenen tot verwerving van nieuw uit te geven aandelen van de vennootschap, terwijl zelfstandige begunstigden recht hebben op verwerving van bestaande aandelen zoals in het SOP2010-2014 aandelenoptieplan.
De performance share units die in 2017 zijn toegekend aan de Gedelegeerd Bestuurder en aan de andere leden van het BGE zijn gebaseerd op het Performance Share Plan 2015-2017 dat in 2015 werd voorgesteld door de Raad van Bestuur en door een Bijzondere Algemene Vergadering werd goedgekeurd.
Het plan biedt rechten op eigen aandelen van de vennootschap aan aan de leden van het BGE, het senior management en een beperkt aantal kaderleden van de vennootschap en van enkele van haar dochtervennootschappen (de rechten, "performance share units" en de aandelen, "performance shares"). Elke performance share unit geeft de begunstigde ervan het recht om één performance share te verwerven onder de voorwaarden van het Performance Share Plan 2015-2017. De performance share units zijn definitief verworven ('gevest') na afloop van een vestingperiode van drie jaar, onder voorwaarde van het bereiken van een vooropgesteld prestatiedoel. Het prestatiedoel wordt jaarlijks vastgesteld door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de vennootschap. De precieze mate waarin de performance share units definitief verworven ('gevest') worden, is afhankelijk van het werkelijk prestatieniveau van het vestingcriterium, met geen enkele definitieve verwerving ('vesting') indien de werkelijke prestatie lager is dan de vastgelegde minimumdrempel. Bij het behalen van deze drempel, zal een minimum van 50% van de performance share units definitief verworven ('gevest') worden; de volledige verwezenlijking van het overeengekomen vestingcriterium zal leiden tot een 'par vesting' van 100% van de performance share units, terwijl er een maximale definitieve verwerving ('vesting') zal zijn van 300% van de performance share units indien de werkelijke prestaties gelijk zijn aan, of hoger zijn dan, een overeengekomen bovengrens. Tussen deze waarden zal de definitieve verwerving ('vesting') proportioneel zijn. Op het ogenblik van de definitieve verwerving ('vesting') ontvangt de begunstigde ook de waarde van de dividenden over de laatste drie jaar met betrekking tot zulk(e) (aantal) performance shares waarop de definitief verworven performance share units betrekking hebben. Er vindt één toekenning van performance share units plaats in elk van de jaren 2015 tot en met 2017, en het totaal aantal toe te kennen performance share units wordt ieder jaar door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité bepaald. De performance shares worden gratis aan de begunstigden aangeboden.
Bart Wille, voormalig Chief Human Resources Officer, heeft op 31 juli 2017 het bedrijf verlaten. Op basis van zijn contract werd een opzeggingsregeling gebaseerd op een termijn van twaalf maanden overeengekomen.
Er bestaan geen bepalingen die de vennootschap het recht verlenen een variabele remuneratie terug te vorderen die aan uitvoerende managers zou zijn toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.
| Aantal in 2017 toegekende performance share units |
Aantal in 2017 toegekende aandelenopties |
Aantal in 2017 uitgeoefende aandelenopties |
Aantal in 2017 vervallen aandelenopties |
|
|---|---|---|---|---|
| Matthew Taylor | 16 500 | 30 000 | 20 000 | - |
| Beatríz García-Cos | 2 500 | 12 500 | - | - |
| Rajita D'Souza | 5 000 | - | - | - |
| Lieven Larmuseau | 2 500 | 15 000 | 12 500 | - |
| Geert Van Haver | 2 500 | 9 500 | 23 500 | - |
| Piet Van Riet | 2 500 | 12 500 | 5 900 | - |
| Curd Vandekerckhove | 2 500 | 15 000 | - | - |
| Stijn Vanneste | 2 500 | 12 500 | 2 700 | - |
| Frank Vromant | 2 500 | 13 500 | 12 000 | - |
Het Belgisch arbeidsrecht en de normale praktijk vormen de basis voor de vertrekregelingen met de uitvoerende managers, behalve met de Gedelegeerd Bestuurder, de Chief Financial Officer en de Chief Human Resources Officer, van wie de ten tijde van hun benoeming overeengekomen contractuele regelingen een opzeggingstermijn van twaalf maanden voorzien.
Bekaert wil haar aandeelhouders transparante financiële informatie verschaffen. We streven een continue communicatie na in open dialoog met onze aandeelhouders.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt conform de International Financial Reporting Standards (IFRS), die door de Europese Unie zijn goedgekeurd. Zowel particuliere als institutionele beleggers kunnen rekenen op ons voortdurend streven naar transparante verslaggeving, zowel op aandeelhoudersvergaderingen als tijdens bijeenkomsten met analisten.
Het Bekaert-aandeel noteert op NYSE Euronext Brussels als ISIN BE0974258874 (BEKB) en werd voor het eerst genoteerd in december 1972. De ICB-sectorcode is 2727 Diversified Industrials.
| in € | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 |
|---|---|---|---|---|---|
| Koers op 31 december | 25,720 | 26,345 | 28,385 | 38,485 | 36,445 |
| Hoogste koers | 31,110 | 30,195 | 30,000 | 42,450 | 49,915 |
| Laagste koers | 20,010 | 21,900 | 22,580 | 26,560 | 33,500 |
| Gemiddelde koers | 24,926 | 27,155 | 26,124 | 37,065 | 42,052 |
| Dagelijks volume | 126 923 | 82 813 | 120 991 | 123 268 | 121 686 |
| Dagelijkse omzet (in miljoen €) | 3,1 | 2,1 | 3,1 | 4,5 | 5,0 |
| Jaarlijkse omzet (in miljoen €) | 796 | 527 | 804 | 1 147 | 1 279 |
| Omloopsnelheid (% jaarlijks) | 54 | 35 | 52 | 53 | 51 |
| Omloopsnelheid (% aangepaste free float) | 90 | 59 | 86 | 88 | 86 |
| Free float (%) | 59,9 | 55,7 | 56,7 | 59,2 | 59,6 |
Het gemiddelde aantal dagelijks verhandelde aandelen was ongeveer 122 000 aandelen in 2017. Het volume piekte op 20 december, met 715 255 verhandelde aandelen. 2017
Op 23 februari 2018 had Bekaert een marktkapitalisatie van € 2,3 miljard en een free float marktkapitalisatie van € 1,4 miljard. De free float was 59,56% en de free float band 60%.
Na een gevestigde waarde te zijn geweest van bij de start van de sterindex in 1991, werd Bekaert vanaf 19 maart 2018 uit de BEL20® gesloten.
Bekaert, wereldmarkt- en technologisch leider in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën, zal blijven waarde creëren voor haar klanten en aandeelhouders. Dat is onze focus. Onze groei en transformatie zullen ons in staat stellen om op middellange termijn een 10% onderliggende EBITmarge te bereiken. Dat is onze vaste ambitie.
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft Bekaert, in haar statuten, aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,5% toegevoegd. Een overzicht van de actuele kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer is te vinden in het hoofdstuk "Informatie met betrekking tot de moedervennootschap (deelnemingen in het kapitaal".
De Stichting Administratiekantoor Bekaert (hoofdaandeelhouder) bezit 34,42% van de aandelen, terwijl de geïdentificeerde institutionele aandeelhouders 36,18% van de aandelen bezitten. De individuele beleggers vertegenwoordigen 11,80% terwijl Private Banking goed is voor 7,60%. De eigen aandelen vertegenwoordigen 6,02%. 3,98% is ongeïdentificeerd.
Per 31 december 2017 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap € 177 690 000, vertegenwoordigd door 60 373 841 aandelen zonder vermelding van waarde. De aandelen zijn op naam of gedematerialiseerd.
De Raad van Bestuur werd gemachtigd door de Algemene Vergadering van 11 mei 2016 het kapitaal van de vennootschap in één of meerdere malen te verhogen met een totaal maximum bedrag van € 176 000 000 (exclusief enige uitgiftepremie). Deze bevoegdheid geldt voor een periode van vijf jaar na 20 juni 2016 en kan worden hernieuwd overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen. Krachtens deze bevoegdheid kan de Raad van Bestuur onder andere een kapitaalverhoging doorvoeren in het kader van het toegestaan kapitaal door middel van de uitgifte van gewone aandelen, warrants of converteerbare obligaties, en mag ze het voorkeurrecht van de aandeelhouders van de vennootschap beperken of opheffen overeenkomstig en met toepassing van artikel 596 en volgende van het Wetboek van vennootschappen. Bovendien werd de Raad van Bestuur gemachtigd om, binnen een periode van drie jaar na 20 juni 2016, gebruik te maken van het toegestaan kapitaal na ontvangst door de vennootschap van een mededeling door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) van een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap.
De Raad van Bestuur heeft gebruik gemaakt van zijn bevoegdheden in het kader van het toegestaan kapitaal die werden verleend door beslissing van de Algemene Vergadering op 9 mei 2012 toen hij op 18 mei 2016 besloot om niet-gesubordineerde niet-gewaarborgde converteerbare obligaties uit te geven met vervaldag in juni 2021 voor een totaal bedrag van € 380 000 000 (de "2016 Converteerbare Obligaties"). Deze converteerbare obligaties dragen een zero-coupon en de conversieprijs bedraagt € 51,25 per aandeel.
In verband met de uitgifte van de 2016 Converteerbare obligaties, besloot de Raad van Bestuur om het voorkeurrecht van de bestaande aandeelhouders bepaald in de artikelen 596 en volgende van het Wetboek van vennootschappen op te heffen. De voorwaarden van de converteerbare obligaties laten de vennootschap toe om, bij conversie van de obligaties, nieuwe of bestaande aandelen te leveren of een bedrag in cash te betalen.
Teneinde de verwatering voor bestaande aandeelhouders bij conversie van de 2016 Converteerbare Obligaties te verzachten, heeft de Raad van Bestuur het voornemen om waar mogelijk het bedrag in hoofdsom van de converteerbare obligaties in cash terug te betalen en, indien de dan geldende aandeelprijs boven de conversieprijs ligt, het verschil in bestaande aandelen van de vennootschap te betalen. De conversie van de 2016 Converteerbare Obligaties zou dan geen verwateringseffect voor de bestaande aandeelhouders hebben.
Bovendien laten de voorwaarden van de 2016 Converteerbare Obligaties de vennootschap toe de obligaties in bepaalde omstandigheden terug te betalen tegen hun bedrag in hoofdsom samen met de opgelopen en niet-betaalde rente, bijvoorbeeld, op of na 30 juni 2019 als de aandelen van de vennootschap worden verhandeld tegen een hogere prijs dan 130% van de conversieprijs gedurende een bepaalde periode.
Het totale aantal uitstaande, in Bekaert aandelen converteerbare warrants onder het SOP2005-2009 aandelenoptieplan bedraagt 208 170. In totaal werden 26 316 warrants uitgeoefend in 2017 onder het SOP2005-2009 aandelenoptieplan. Dit resulteerde in de uitgifte van 26 316 nieuwe aandelen van de vennootschap, een verhoging van het maatschappelijk kapitaal met € 78 000 en een verhoging van de uitgiftepremie met € 683 798.
Bovenop de 3 885 446 eigen aandelen die de vennootschap hield op 31 december 2016 kocht de vennootschap in de loop van 2017 in totaal 172 719 eigen aandelen terug. In 2017 werden in totaal 403 150 aandelenopties uitgeoefend onder het SOP2010-2014 aandelenoptieplan en daarvoor werden 403 150 eigen aandelen geleverd. 17 191 eigen aandelen werden verkocht aan leden van het Bekaert Group Executive in het kader van het Personal Shareholding Requirement Plan (aan een prijs gelijk aan de slotkoers op Euronext op de dag van de overdracht) en 1 511 eigen aandelen werden overgedragen aan een lid van het Bekaert Group Executive overeenkomstig het zogeheten "matching"-mechanisme. In 2017 werden geen eigen aandelen vernietigd. Bijgevolg hield de vennootschap 3 636 280 aandelen in portefeuille op 31 december 2017.
Een tweede toekenning van opties in het kader van het SOP2015-2017 aandelenoptieplan vond plaats op 13 februari 2017: er werden 273 325 opties toegekend. Elke optie zal kunnen worden omgezet in één bestaand aandeel van de vennootschap tegen een uitoefenprijs van € 39,43.
Een derde aanbod van 227 875 opties in het kader van het SOP2015-2017 aandelenoptieplan vond plaats op 21 december 2017. Hiervan werden 225 475 opties aanvaard en toegekend op 20 februari 2018. Elke optie zal kunnen worden omgezet in één bestaand aandeel van de vennootschap tegen een uitoefenprijs van € 34,60.
Een derde gewone toekenning van 55 250 performance share units in het kader van het Performance Share Plan 2015-2017 vond plaats op 21 december 2017. Bijkomend, werden uitzonderlijk 10 000 performance share units toegekend aan de Gedelegeerd Bestuurder op 6 maart 2017 en 5 000 performance share units aan de Chief Human Resources Officer op 1 september 2017. Elke performance share unit geeft de begunstigde ervan het recht om één performance share te verwerven onder de voorwaarden van het Performance Share Plan 2015-2017.
De performance share units zullen definitief verworven worden ('gevest') na afloop van een vestingperiode van drie jaar, onder voorwaarde van het bereiken van een vooropgesteld prestatiedoel. De precieze mate waarin de performance share units definitief verworven ('gevest') worden, zal afhankelijk zijn van het werkelijk prestatieniveau van het vestingcriterium, met geen enkele definitieve verwerving ('vesting') indien de werkelijke prestatie lager is dan de vastgelegde minimumdrempel. Bij het behalen van deze drempel, zal een minimum van 50% van de performance share units definitief verworven ('gevest') worden; de volledige verwezenlijking van het overeengekomen vestingcriterium zal leiden tot een 'par vesting' van 100% van de performance share units, terwijl er een maximale definitieve verwerving ('vesting') zal zijn van 300% van de performance share units indien de werkelijke prestaties gelijk zijn aan, of hoger zijn dan, een overeengekomen bovengrens. Tussen deze waarden zal de definitieve verwerving ('vesting') proportioneel zijn.
Het SOP2015-2017 aandelenoptieplan en zijn voorgangers zijn conform de relevante bepalingen van de wet van 26 maart 1999 en de artikelen 520ter en 525, laatste lid, van het Wetboek van vennootschappen. Detailgegevens omtrent kapitaal, aandelen en aandelenoptieplannen zijn te vinden in het Financieel Overzicht (Toelichting 6.12 bij de geconsolideerde jaarrekening.
De Raad van Bestuur zal de op 9 mei 2018 te houden Gewone Algemene Vergadering voorstellen een brutodividend van € 1,10 per aandeel uit te keren.
| in € | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017(1) |
|---|---|---|---|---|---|
| Brutodividend | 0,850 | 0,850 | 0,900 | 1,100 | 1,100 |
| Nettodividend(2) | 0,638 | 0,638 | 0,657 | 0,770 | 0,770 |
| Couponnummer | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 |
(1) Dividend onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2018.
(2) Onderhevig aan de takswetgeving van toepassing.
De Gewone Algemene Vergadering vond plaats op 10 mei 2017. Een Buitengewone Algemene Vergadering werd gehouden op 29 maart 2017. De besluiten van de vergaderingen zijn op www.bekaert.com terug te vinden.
De statuten bevatten geen beperkingen inzake de overdraagbaarheid van de aandelen, behoudens ingeval van controlewijziging, voor dewelke conform artikel 11 van de statuten de voorafgaande goedkeuring van de Raad van Bestuur moet worden aangevraagd.
Voor het overige zijn de aandelen vrij overdraagbaar. De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige wettelijke beperking op de overdracht van aandelen in hoofde van enige aandeelhouder.
Elk aandeel geeft recht op één stem. De statuten bevatten geen beperkingen van het stemrecht en iedere aandeelhouder kan zijn stemrecht uitoefenen op voorwaarde dat hij geldig werd toegelaten tot de Algemene Vergadering en dat zijn rechten niet werden geschorst. De regels inzake de toelating tot de Algemene Vergadering zijn opgenomen in het Wetboek van vennootschappen en in artikelen 31 en 32 van de statuten. Krachtens artikel 10 kan de vennootschap de uitoefening schorsen van rechten verbonden aan effecten die toebehoren aan verscheidene eigenaars.
Niemand kan op de Algemene Vergadering aan een stemming deelnemen voor stemrechten die verbonden zijn aan effecten waarvan hij niet krachtens de wet tijdig kennis heeft gegeven.
De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige andere wettelijke beperking inzake de uitoefening van het stemrecht.
De Raad van Bestuur zijn geen aandeelhoudersovereenkomsten bekend welke aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdracht van effecten of van de uitoefening van het stemrecht, met uitzondering van de overeenkomsten vermeld in de kennisgevingen die opgenomen zijn in het hoofdstuk "Informatie met betrekking tot de moedervennootschap (deelnemingen in het kapitaal)".
De statuten (artikelen 15 en volgende) en het Bekaert Charter bevatten specifieke regels inzake de (her)benoeming, vorming en evaluatie van bestuurders. De bestuurders worden voor een maximale duur van vier jaar door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd, die hen ook te allen tijde kan ontslaan. Een besluit tot benoeming of ontslag behoeft de gewone meerderheid van de stemmen. De kandidaten voor de opdracht van bestuurder, die deze opdracht nog niet vervuld hebben in de vennootschap, moeten ten laatste twee maanden vóór de Gewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur op de hoogte brengen van hun kandidatuur.
Enkel wanneer een plaats van bestuurder vroegtijdig openvalt, kunnen de overblijvende bestuurders zelf een nieuwe bestuurder benoemen (coöpteren). In dat geval zal de eerstvolgende Algemene Vergadering de definitieve benoeming doen.
Het benoemingsproces van bestuurders wordt geleid door de Voorzitter van de Raad van Bestuur. Het Benoemings- en Remuneratiecomité doet een gemotiveerde aanbeveling aan de voltallige Raad, die op basis daarvan beslist welke kandidaten worden voorgedragen aan de Algemene Vergadering. Bestuurders zijn in de regel herbenoembaar voor een onbeperkt aantal termijnen, met dien verstande dat bestuurders ten tijde van hun initiële benoeming niet jonger mogen zijn dan 30 jaar en niet ouder dan 66 jaar, en dat een bestuurder ontslag moet nemen in het jaar waarin hij de leeftijd van 69 jaar bereikt.
De statuten kunnen door de Buitengewone Algemene Vergadering worden gewijzigd conform de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen. Elke statutenwijziging behoeft een bijzondere meerderheid van stemmen.
De Raad van Bestuur is op grond van artikel 44 van de statuten gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal in één of meerdere malen te verhogen met een maximum bedrag van € 176 000 000. De duur van deze machtiging bedraagt vijf jaar vanaf 20 juni 2016, doch is door de Algemene Vergadering hernieuwbaar.
In het kader van deze machtiging kan de Raad van Bestuur ook gedurende een periode van drie jaar vanaf 20 juni 2016, in geval van ontvangst door de vennootschap van een mededeling door de FSMA van een openbaar overnamebod, het maatschappelijk kapitaal verhogen voor zover:
Ook deze machtiging is hernieuwbaar door de Algemene Vergadering.
Verder is de Raad van Bestuur krachtens artikel 12 van de statuten gemachtigd om maximum het aantal aandelen te verkrijgen waarvan de gezamenlijke fractiewaarde niet hoger is dan 20% van het geplaatste kapitaal, gedurende een periode van vijf jaar vanaf 20 juni 2016 (die door de Algemene Vergadering kan worden hernieuwd), tegen een prijs die ligt tussen één euro als minimumwaarde en 30% boven het rekenkundig gemiddelde van de slotkoers van het Bekaert aandeel gedurende de laatste 30 beursdagen vóór het besluit van de Raad van Bestuur tot verkrijging als maximumwaarde. De Raad van Bestuur is gemachtigd om alle of een gedeelte van de ingekochte aandelen gedurende die periode van vijf jaar te vernietigen.
De Raad van Bestuur is tevens gemachtigd om eigen aandelen te verkrijgen wanneer dit noodzakelijk is ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de vennootschap, zoals een openbaar overnamebod. Deze machtiging is toegekend voor een periode van drie jaar vanaf 24 april 2015, doch kan door de Algemene Vergadering verlengd worden.
Artikelen 12bis en 12ter van de statuten bevatten regels voor de vervreemding van ingekochte aandelen en voor de verwerving en vervreemding van aandelen door dochtervennootschappen.
De bevoegdheden van de Raad van Bestuur zijn in detail beschreven in de toepasselijke wettelijke bepalingen terzake, de statuten en het Bekaert Charter.
De vennootschap is partij bij een aantal belangrijke overeenkomsten die in werking treden, wijzigingen ondergaan of aflopen in geval van een wijziging van controle over de vennootschap, al dan niet na een openbaar overnamebod. In de mate waarin op grond van deze overeenkomsten aan derden rechten worden toegekend die een invloed hebben op het vermogen van de vennootschap, dan wel een schuld of een verplichting te haren laste doen ontstaan, werden deze rechten, conform artikel 556 van het Wetboek van vennootschappen, goedgekeurd door de Bijzondere Algemene Vergaderingen van 13 april 2006, 16 april 2008, 15 april 2009, 14 april 2010 en 7 april 2011 en door de Gewone Algemene Vergaderingen van 9 mei 2012, 8 mei 2013, 14 mei 2014, 13 mei 2015, 11 mei 2016 en 10 mei 2017; de notulen van die vergaderingen werden op 14 april 2006, 18 april 2008, 17 april 2009, 16 april 2010, 15 april 2011, 30 mei 2012, 23 mei 2013, 20 juni 2014, 19 mei 2015, 18 mei 2016 en 2 juni 2017 ter griffie van de Rechtbank van Koophandel te Gent, afdeling Kortrijk neergelegd en zijn beschikbaar op www.bekaert.com.
Het betreft in hoofdzaak jointventure-overeenkomsten (die de relaties tussen partijen in het kader van een gemeenschappelijke dochtervennootschap omschrijven), overeenkomsten waarbij door financiële instellingen of particuliere investeerders geldmiddelen ter beschikking van de vennootschap of van een van haar dochtervennootschappen worden gesteld, en overeenkomsten tot levering van goederen of diensten door of aan de vennootschap. Elk van deze overeenkomsten bevat clausules die, ingeval van wijziging van de controle van de vennootschap, de wederpartij in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden het recht verlenen om de overeenkomst vervroegd te beëindigen, en in het geval van een financiële overeenkomst tevens de vervroegde terugbetaling van de ter beschikking gestelde geldmiddelen te eisen. In het geval van jointventure-overeenkomsten wordt voorzien dat, ingeval van controlewijziging van de vennootschap, de wederpartij de participatie van de vennootschap in de joint venture kan verwerven (met uitzondering van de Chinese vennootschappen, waarbij partijen in overleg dienen te bepalen of een partij de joint venture alleen voortzet, waarna deze de participatie van de andere partij dient te kopen), waarbij de waarde tegen dewelke de participatie alsdan is over te dragen wordt bepaald in functie van contractuele formules die beogen een overdracht tegen een arm's length prijs te verzekeren.
De volgende beschrijving van Bekaerts interne controle en risicobeheerssystemen is gebaseerd op de "Internal Control Integrated Framework" (1992) en de "Enterprise Risk Management Framework" (2004), gepubliceerd door het "Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission" (COSO).
De organisatie van de diensten boekhouding en controle bestaat uit drie niveaus: (i) het boekhoudkundige team in de verschillende juridische entiteiten of gezamenlijke dienstencentra, verantwoordelijk voor de voorbereiding en de rapportering van de financiële informatie, (ii) de controllers op de verschillende niveaus in de organisatie (zoals fabriek en regio), verantwoordelijk voor o.a. het nazicht van de financiële informatie in hun verantwoordelijkheidsdomein, en (iii) de dienst Groepscontrole, verantwoordelijk voor het finale nazicht van de financiële informatie van de verschillende juridische entiteiten en voor de voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening.
Naast bovengemelde gestructureerde controles voert het interne audit departement een risico-gebaseerd programma uit om de doeltreffendheid van de interne controle in de verschillende processen op het niveau van de juridische entiteiten te valideren en een betrouwbare financiële rapportering te verzekeren. De geconsolideerde jaarrekening van Bekaert is opgemaakt in overeenstemming met de "International Financial Reporting Standards" (IFRS), onderschreven door de Europese Unie. Die jaarrekening is eveneens conform de IFRS uitgegeven door de "International Accounting Standards Board". Alle IFRS-boekhoudnormen, richtlijnen en interpretaties, toe te passen door alle jurdische entiteiten, zijn gegroepeerd in het IFRS-handboek, dat beschikbaar is op het Bekaert intranet voor alle werknemers die betrokken zijn bij de financiële rapportering. Dit handboek wordt regelmatig aangepast door Groepscontrole ingeval van relevante wijzigingen in IFRS, of interpretaties ervan, en de gebruikers worden van elke dergelijke wijziging op de hoogte gebracht. IFRS-opleidingen vinden plaats in de verschillende regio's wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.
De overgrote meerderheid van de vennootschappen van de Groep gebruikt Bekaerts globale "enterprise resource planning" (ERP) systeem, en de boekhoudkundige transacties worden ingeboekt in een uniform rekeningenstelsel, waarbij boekhoudkundige handboeken de standaardmanier van boeking voor de meest relevante transacties beschrijven. Deze boekhoudkundige handboeken worden aan de gebruikers toegelicht tijdens opleidingssessies en zijn beschikbaar op het Bekaert intranet.
De in 2016 overgenomen vennootschappen van de Bridongroep gebruiken andere systemen die momenteel gealigneerd worden en naar manier van werken in overeenstemming worden gebracht met de bestaande Bekaertpraktijken.
Alle vennootschappen van de Groep gebruiken dezelfde software om de financiële gegevens te rapporteren voor consolidatie en externe rapporteringsdoeleinden. Een rapporteringhandboek is beschikbaar op het Bekaert intranet en opleidingen vinden plaats wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.
Er worden geschikte maatregelen genomen om een tijdige en kwalitatieve rapportering te garanderen en om de potentiële risico's die gerelateerd zijn aan het financiële rapporteringsproces te beperken, met inbegrip van: (i) goede coördinatie tussen de diensten Groepscommunicatie en Groepscontrole, (ii) zorgvuldige planning van alle activiteiten, met inbegrip van verantwoordelijken en timings, (iii) richtlijnen verdeeld door Groepscontrole naar de verantwoordelijken vóór de kwartaalrapportering, met inbegrip van relevante aandachtspunten, en (iv) opvolging en terugkoppeling van de stiptheid, kwaliteit en aandachtspunten om te streven naar continue verbetering.
Een kwartaalevaluatie vindt plaats over de financiële resultaten, bevindingen door het interne audit departement, en andere belangrijke controlegebeurtenissen, en de resultaten worden besproken met de commissaris.
Materiële wijzigingen in de IFRS-boekhoudnormen worden gecoördineerd door Groepscontrole, nagezien door de commissaris, gerapporteerd aan het Audit en Finance Comité, en geacteerd door de Raad van Bestuur van de vennootschap.
Materiële wijzigingen in de statutaire boekhoudnormen van een vennootschap van de Groep worden goedgekeurd door diens Raad van Bestuur.
De correcte toepassing door de juridische entiteiten van de boekhoudnormen beschreven in het IFRS-handboek, alsmede de juistheid, de consistentie en de volledigheid van de gerapporteerde informatie, worden op een permanente basis nagezien door de controleorganisatie (zoals boven beschreven). Bovendien worden alle relevante entiteiten op periodieke basis gecontroleerd door het interne audit departement. Voor de meest belangrijke onderliggende processen (verkoop, aankoop, investeringen, thesaurie, enz.) bestaan er richtlijnen en procedures die onderhevig zijn aan (i) een evaluatie door de respectieve managementteams middels een zelfbeoordelingstool, en (ii) controle door het interne audit departement op een roterende basis. In het ERP-systeem wordt nauw toezicht gehouden op mogelijke conflicten met betrekking tot scheiding van verantwoordelijkheden.
Bekaert heeft in de meeste groepsvennootschappen een globaal ERP-systeemplatform ingevoerd om de efficiënte verwerking van transacties te ondersteunen en het management te voorzien van transparante en betrouwbare informatie om de operationele activiteiten te beheren, te controleren en te sturen.
De verstrekking van diensten van informatietechnologie om deze systemen te laten lopen, te onderhouden en te ontwikkelen, wordt in grote mate uitbesteed aan professionele toeleveranciers van IT-diensten die gestuurd en gecontroleerd worden door geëigende IT-controlestructuren en waarvan de kwaliteit bewaakt wordt door uitgebreide dienstverleningscontracten.
Samen met haar IT-toeleveranciers heeft Bekaert adequate managementprocessen geïmplementeerd om te verzekeren dat geschikte maatregelen op dagelijkse basis getroffen worden om de prestaties, de beschikbaarheid en de integriteit van haar IT-systemen te behouden. Op regelmatige ogenblikken wordt de geschiktheid van deze procedures nagetrokken en geauditeerd en waar nodig verder geoptimaliseerd.
Een gepaste toewijzing van verantwoordelijkheden, en coördinatie tussen de betrokken afdelingen, verzekeren een efficiënt en stipt communicatieproces van periodieke financiële informatie naar de markt Voor het eerste en het derde kwartaal wordt een trading update gepubliceerd, terwijl alle relevante financiële informatie op halfjaarlijkse en op jaarlijkse basis wordt bekendgemaakt. Vóór de externe rapportering wordt de verkoops- en financiële informatie onderworpen aan (i) de gepaste controles door de bovengenoemde controleorganisatie, (ii) nazicht door het Audit en Finance Comité, en (iii) goedkeuring door de Raad van Bestuur van de vennootschap.
Elke beduidende wijziging in de door Bekaert toegepaste IFRS-boekhoudnormen wordt onderworpen aan nazicht door het Audit en Finance Comité en door de Raad van Bestuur van de vennootschap, met inbegrip van het eerste gebruik van IFRS in 2000.
De leden van de Raad van Bestuur worden op periodieke basis op de hoogte gehouden van de evolutie en belangrijke wijzigingen in de onderliggende IFRS-standaarden. Alle relevante financiële informatie wordt toegelicht aan het Audit en Finance Comité en de Raad van Bestuur om hen in staat te stellen de jaarrekening te analyseren. Alle gerelateerde persberichten worden goedgekeurd vóór hun verspreiding naar de markt.
Relevante bevindingen van het interne audit departement en/of de commissaris in verband met de toepassing van de boekhoudnormen, de geschiktheid van de richtlijnen en procedures, en de scheiding van verantwoordelijkheden, worden gerapporteerd aan het Audit en Finance Comité.
Er wordt ook een periodieke thesaurie-update voorgelegd aan het Audit en Finance Comité.
Er bestaat een procedure om het relevante bestuursorgaan van de vennootschap op korte termijn bijeen te roepen wanneer de omstandigheden dit dicteren.
De Raad van Bestuur en het BGE hebben de Bekaert Gedragscode goedgekeurd, die voor het eerst uitgegeven werd op 1 december 2004. De laatste aanpassing gebeurde in november 2017. De Gedragscode bepaalt de Bekaert missie en waarden, evenals de basisprincipes van het zakendoen door Bekaert. Naleving van de Gedragscode is verplicht voor alle groepsvennootschappen. De Gedragscode maakt als Appendix 3 deel uit van het Bekaert Charter en is beschikbaar op www.bekaert.com.
Meer gedetailleerde procedures en richtlijnen worden opgemaakt indien nodig om de consistente toepassing van de Gedragscode doorheen de Groep te verzekeren.
Bekaerts interne controlemodel bestaat uit een aantal groepsprocedures voor de belangrijkste bedrijfsprocessen die wereldwijd toegepast worden. Bekaert heeft diverse middelen ter beschikking om de effectiviteit en de efficiëntie van het ontwerp en de werking van het interne controlemodel constant te bewaken.
Voor alle nieuwe medewerkers wordt een verplichte opleiding over interne controle georganiseerd, en er is een zelfbeoordelingstool in gebruik aan de hand waarvan de managementteams zichzelf kunnen evalueren omtrent de stand van zaken van de interne controle. Het interne audit departement bewaakt de interne controlesituatie op basis van het globale model en rapporteert op elke vergadering van het Audit en Finance Comité.
Het BGE evalueert regelmatig de exposure van de Groep aan risico's, de potentiële financiële impact daarvan, en de acties die vereist zijn om de exposure op te volgen en te beheersen.
Op verzoek van de Raad van Bestuur en het Audit en Finance Comité heeft het management een globaal "enterprise risk management" (ERM) kader ontwikkeld om de Groep op een expliciete manier bij te staan bij het beheersen van onzekerheid in Bekaerts waardecreatieproces. Het kader bestaat uit de identificatie, de evaluatie en de prioritering van de voornaamste risico's waarmee Bekaert wordt geconfronteerd, en uit de permanente rapportering en opvolging van die voornaamste risico's (met inbegrip van de ontwikkeling en de implementatie van risicobeheersingsplannen).
De risico's worden in vijf categorieën geïdentificeerd: strategische, operationele, juridische, financiële en landenrisico's. De geïdentificeerde risico's worden op twee assen ondergebracht: waarschijnlijkheid, en impact of gevolgen. De evolutie van de risicogevoeligheid (afname, toename, stabiel) wordt eveneens gemeten teneinde de doeltreffendheid van de ondernomen acties en de potentiële wijzigingen in de risicocontext in aanmerking te nemen.
Bekaerts ERM-verslag over 2017 bevat o.a. de volgende potentiële risico's:
Voor ons gaat duurzaam ondernemen over economisch succes, de veiligheid en ontwikkeling van onze medewerkers, duurzame relaties met onze business partners, verantwoordelijkheid voor het milieu en sociale vooruitgang. Op die manier vertaalt Bekaert duurzaam ondernemen in een voordeel voor alle stakeholders.
Bekaerts wereldwijde strategie voor duurzaam ondernemen is gebaseerd op vier pijlers: onze verantwoordelijkheid op de werkplek, in de markten, ten aanzien van het milieu en tegenover de maatschappij. Onze duurzaamheidsinspanningen en -activiteiten zijn gericht op de belangen van al onze stakeholders: medewerkers, klanten, aandeelhouders, partners, lokale overheden en de gemeenschappen waarin we actief zijn.
Bekaerts duurzaamheidsrapport 2017 werd samengesteld volgens de GRI Sustainability Reporting Standards, Core optie. Global Reporting Initiative (GRI) is een non-profitorganisatie die economische, milieugerelateerde en maatschappellijke duurzaamheid bevordert. Bekaert werd in 2017 voor haar maatschappelijk verantwoord ondernemen ook erkend door opname in de Ethibel Excellence Index (ESI) Europe - een referentiecriterium voor toppresteerders op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemen gebaseerd op Vigeo's onderzoek - en in Kempen SRI.
In 2017 kreeg Bekaert het gouden erkenningsniveau van Ecovadis toegekend. Ecovadis is een onafhankelijk bureau voor duurzaam ondernemen waarvan de methodologie op internationale CSR-normen gebaseerd is.
Als antwoord op de groeiende gebaseerd is doorheen de toeleveringsketen om te rapporteren rond de ecologische voetafdruk van activiteiten en logistiek, werkt Bekaert ook mee aan de bevragingen van CDP (vroeger bekend als het Carbon Disclosure Project) omtrent de klimaatverandering en de toeleveringsketen.
De duurzaamheidsacties en respectievelijke indexen en certificaten hebben betrekking op de 100%-dochterondernemingen van NV Bekaert SA en deze waarin NV Bekaert SA een meerderheidsparticipatie heeft. Dit omvat ook de dochterondernemingen van de Bridon-Bekaert Ropes Group, tenzij anders aangegeven.
Meer gedetailleerde informatie en doelen voor de toekomst zijn te vinden in het duurzaamheidsrapport 2017-2018 van de Bekaert Groep.
Als bedrijf en als individuen handelen we met integriteit en houden we ons aan de hoogste normen van zakelijke ethiek. We bevorderen gelijke kansen en diversiteit en willen een risicovrije werkomgeving creëren die niemand schade berokkent. Onze waarden zijn verankerd in onze cultuur en verbinden ons als het One Bekaert-team.
We handelen integer · Wij verdienen vertrouwen · Wij zijn niet te stuiten!
Bij Bekaert geloven we dat samenwerken tot betere prestaties leidt. Als een echt globaal bedrijf stimuleren wij diversiteit op alle niveaus van de organisatie. We zien het als een belangrijke bron van kracht voor onze onderneming. Het gaat hierbij niet alleen om diversititeit op het gebied van nationaliteit, culturele achtergrond, leeftijd of geslacht, maar ook op het gebied van vaardigheden, business-ervaring, inzichten en standpunten.
De Bekaert-populatie telt ongeveer 50 nationaliteiten en biedt werkgelegenheid in 40 landen over de hele wereld. Deze diversiteit in nationaliteiten wordt weerspiegeld op alle niveaus van de organisatie en in de samenstelling van de Raad van Bestuur.
| Diversiteit in nationaliteiten (31 dec 2017) |
#mensen | #nationaliteiten | #niet-native1 | %niet-native |
|---|---|---|---|---|
| Raad van Bestuur | 15 | 4 | 6 | 40% |
| Bekaert Group Executive (BGE) | 9 | 4 | 3 | 33% |
| Senior Vice Presidents | 16 | 7 | 6 | 38% |
| Next leadership level2 | 87 | 17 | 39 | 45% |
| Totaal Leadership Team | 112 | 19 | 48 | 43% |
Het productiekarakter van Bekaerts activiteiten verklaart de voornamelijk mannelijke populatie, in het bijzonder bij operatoren en techniekers.
| Genderdiversiteit (31 dec 2017) | #mensen | %mannen | %vrouwen |
|---|---|---|---|
| Operatoren | 21 750 | 95% | 5% |
| Bedienden | 5 895 | 71% | 29% |
| Management | 1 668 | 82% | 18% |
| Totaal Bekaert-medewerkers | 29 313 | 89% | 11% |
Bekaert ontwikkelt een wervings- en promotiebeleid dat gericht is op het gestaag verhogen van diversiteit, inclusief genderdiversiteit.
Genderdiversiteit in de Raad van Bestuur en het topmanagement van Bekaert:
| Genderdiversiteit (31 dec 2017) | #mensen | %mannen | %vrouwen |
|---|---|---|---|
| Raad van Bestuur | 15 | 67% | 33% |
| Bekaert Group Executive (BGE) | 9 | 78% | 22% |
| Senior & Next leadership level1 | 74 | 76% | 24% |
| Totaal Leadership Team | 83 | 76% | 24% |
Leeftijdsdiversiteit in de hoogste bestuursorganen van Bekaert
| Leeftijdsdiversiteit (31 dec 2017) | #mensen | Leeftijd 30-50 jaar | Leeftijd > 50 jaar |
|---|---|---|---|
| Raad van Bestuur | 15 | 20% | 80% |
| Bekaert Group Executive (BGE) | 9 | 22% | 78% |
| Totaal hoogste bestuursorganen |
24 | 21% | 79% |
(1) Senior Vice Presidents en managers op niveau B13 en hoger (Hay-classificatiereferentie) met uitzondering van BGE
We respecteren de rechten en waardigheid van elke werknemer. We bevorderen gelijke kansen en discrimineren geen werknemers of sollicitanten op basis van leeftijd, ras, nationaliteit, sociale of etnische afkomst, geslacht, fysieke handicap, seksuele voorkeur, godsdienst, politieke voorkeur of vakbondslidmaatschap.
Wij ondersteunen de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties en de verdragen en aanbevelingen van de Internationale Arbeidsorganisatie. We voldoen aan nationale wetgevingen en cao's.
De werving, verloning, training, promotie en loopbaanontwikkeling van onze medewerkers gebeurt enkel op basis van beroepskwalificaties. We stimuleren talent door middel van carrièreontwikkeling en levenslang leren.
We stimuleren opkomend talent met loopbaanontwikkeling en levenslang leren. We hechten veel belang aan het creëren van uitdagende carrièregerichte en persoonlijke ontwikkelingsopportuniteiten voor onze medewerkers. Trainingsprogramma's omvatten niet alleen technische en jobspecifieke trainingen, maar ook leiderschapsmodules die onze medewerkers helpen om zichzelf te ontwikkelen en samen te werken in een globale werkomgeving.
In 2017 hebben we het opleidingsaanbod via ons online Learning & Development-portaal uitgebreid en de toegang voor bedienden verder opengesteld. Via het portaal is het nu ook mogelijk om persoonlijke ontwikkelingsactiviteiten en -kansen op lange termijn op te volgen. Het biedt een overzicht van alle beschikbare trainingen, zowel traditionele klassikale cursussen als e-learningmodules, en biedt de werknemers de mogelijkheid om een verzoek in te dienen voor het volgen van externe trainingen.
Bekaert richtte in 2017 de 'Bekaert University' op. De University zal ons team en onze talenten ontwikkelen zodat onze mensen, zowel individueel als in team, het beste uit zichzelf kunnen halen. Bekaert University draait om het continu opbouwen van de vaardigheden van de mensen en de organisatie. Het wordt ook de thuisbasis van verschillende Academy's die bedoeld zijn om het transformatieproces dat het bedrijf ondergaat, te versnellen en onderhouden.
(1) Met uitzondering van BBRG. De Bridon-Bekaert Ropes Group is gelijkaardige rapportagegegevens aan het implenteren.
In 2017 hebben we BeCare, ons wereldwijd uitmuntendheidsprogramma voor veiligheid dat in 2016 gelanceerd werd, verder uitgerold. We willen een risicovrije werkomgeving creëren die niemand schade berokkent. Dit geldt voor al onze medewerkers en voor iedereen die in onze vestigingen werkt of ze bezoekt. Tijdens een intensieve training worden medewerkers vertrouwd gemaakt met een uitgebreide set van best practices op het gebied van veiligheid, leren ze onveilige situaties herkennen en oplossen en ontdekken ze hoe ze kunnen bijdragen aan een omgeving waarin zorg voor veiligheid en voor elkaar centraal staat. BeCare leidt tot betere prestaties en praktijken op het gebied van veiligheid en tot gedragsverandering in onze fabrieken en kantoren en tijdens ontmoetingen met business partners.
De Orrville-fabriek (Ohio, VS) presteerde relatief zwak op het gebied van veiligheid in de afgelopen jaren. Na de implementering van BeCare veranderde alles. De fabriek vierde onlangs 1 jaar zonder incidenten waarvoor medische hulp nodig was of die tot dagen werkverlet leidden. In de Lipetsk-fabriek (Rusland) hebben onze medewerkers de BeCare-technieken en cultuur echt omarmd en beschouwen ze het als een boost om het reeds grote enthousiasme en de betrokkenheid in de fabriek nog te vergroten.
Omdat we een gezonde werkomgeving belangrijk vinden, bleven we in 2017 investeren in de automatisatie van verhandelingsuitrusting en andere ergonomische voorzieningen.
Er wordt bij Bekaert speciale aandacht besteed aan het omgaan met en opslaan van chemicaliën. Een centrale databank houdt alle chemicaliën bij die in onze fabrieken gebruikt worden, en schrijft alle werknemers strenge gezondheids- en veiligheidsrichtlijnen voor.
Wij controleren de omstandigheden zoals lawaai, stof en temperatuur en werken aan een stappenplan voor nodige verdere verbeteringen.
In 2017 organiseerde Bekaert haar 10e Internationale Gezondheids- en Veiligheidsweek. Alle fabrieken wereldwijd namen aan dit jaarlijkse evenement deel. Het centrale thema dit jaar was "I care - You care - We BeCare" en had aandacht voor de verschillende aspecten van het BeCare-progamma. Wereldwijd werden de Bekaert-fabrieken aangemoedigd om hun best practices te delen en van elkaar te leren.
Het Bekaert-management en de werknemers betreuren het verlies van twee collega's die zijn omgekomen door ongevallen op het werk. De ongevallen gebeurden in onze fabrieken in Sumaré (Brazilië) en Prodac (Peru).
Er werd grondig onderzoek uitgevoerd om te begrijpen wat er gebeurd is en om te voorkomen dat er nog meer slachtoffers op de werkplek zouden vallen.
We zullen ons onze collega's altijd herinneren en ervoor zorgen dat we onze veiligheidscultuur en gedrag door hun overlijden sneller en grondiger verbeteren. Het elimineren van de risico's van onze activiteiten is een van de doelstellingen van BeCare, ons wereldwijd veiligheidsprogramma.
Bekaert heeft op groepsniveau een OHSAS 18001-certificaat. In 2017 was ongeveer 60% van alle Bekaert-werknemers door deze norm gedekt.
In 2017 werd per werknemer gemiddeld 10 uur training aan veiligheid besteed.
Onze veiligheidsprestaties voor 2017 waren niet goed. Eerst en vooral hebben we twee collega's verloren. Daarnaast stegen zowel de frequentiegraad als de ernstgraad van incidenten met werkverlet in vergelijking met 2016. Een van de effecten van BeCare is een veel striktere opvolging van de nauwkeurige rapportering en naleving, maar dat is geen reden voor verhoogde veiligheidsincidenten en risico's.
In 2017 hadden twee vestigingen al meer dan 5 jaar geen veiligheidsincidenten. Drie vestigingen hadden al 4 jaar geen veiligheidsincidenten. Vier anderen bereikten meer dan 2 jaar zonder veiligheidsincidenten en 19 vestigingen waren al meer dan 1 jaar incidentvrij.
Bijna 30 vestigingen hebben zo bewezen dat het mogelijk is om van Bekaert een veilige werkplek te maken.
Gerapporteerde incidentsgraad (TRIR) Bekaert Gezamenlijk(1)
TRIR = aantal gerapporteerde incidenten per miljoen gewerkte uren
LTIFR = aantal ongevallen met werkverlet (LTA) per miljoen gewerkte uren
Ernstgraad = aantal dagen werkverlet als gevolg van arbeidsongevallen, per duizend gewerkte uren.
(1) BBRG en joint ventures inbegrepen
(2) BBRG inbegrepen
Bekaert streeft ernaar om een loyale, verantwoordelijke partner te zijn in de lokale gemeenschappen. We communiceren met de lokale overheden op een transparante en constructieve manier. Wij ondersteunen geen politieke instellingen en nemen in al onze berichtgeving een neutrale positie in met betrekking tot politieke kwesties. We verbinden ons er toe de nationale wetgeving en collectieve arbeidsovereenkomsten na te leven. Bekaert respecteert de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de verdragen en aanbevelingen van de Internationale Arbeidsorganisatie.
Bekaert heeft productiefaciliteiten en verkoopkantoren in 40 landen en bouwt langetermijnrelaties met klanten en leveranciers uit, waar we ook actief zijn. We werken samen met klanten en leveranciers bij het ontwikkelen van projecten, het initiëren van feedback en tevredenheidsonderzoeken en het uitwerken van industrie-analyses.
We werken actief samen met klanten in duurzaamheidsinitiatieven. We steunen hun duurzaamheidsprogramma's door specifieke acties in ons beleid te implementeren en we sluiten ons aan bij duurzaamheidsinitiatieven en -standaarden om aan hun prioriteiten bij te dragen. Door ons als een sociaal en ecologisch verantwoorde leverancier te gedragen, helpen we onze klanten om hun doelen op vlak van duurzaam ondernemen te bereiken.
De aankoopafdeling van Bekaert heeft haar engagement versterkt om het bewustzijn voor en de controle op duurzaam ondernemen bij onze leveranciers te verbeteren. De Bekaert Gedragscode voor Leveranciers legt de vereisten op het vlak van milieu, mensenrechten en governance vast waaraan de leveranciers moeten voldoen (of waarvan ze moeten bewijzen dat ze die naleven). Op het einde van 2017 voldeed 82% van de bestedingen aan de Gedragscode, in vergelijking met 75% in 2016.
Alle walsdraadleveranciers en leveranciers van andere kritische materialen worden jaarlijks formeel beoordeeld, en corrigerende actieplannen worden opgelegd als de minimaal vereiste niveaus niet zijn bereikt. Deze actieplannen worden nauwgezet gecontroleerd om de focus op een sterke verbetering te verzekeren.
Bekaert erkent het belang van verantwoord aankopen. In 2017 hebben alle leveranciers onder het Responsible Minerals Initiative (RMI), voorheen Conflict Free Sourcing Initiative (CFSI), de Bekaert Gedragscode voor Leveranciers ondertekend (of bewijs gegeven dat ze de principes ervan naleven) en al onze tinleveranciers hebben de meest recente Conflict Minerals Reporting Template (CMRT) ingevuld. Dit is een initiatief van de Responsible Business Alliance (RBA), voorheen Electronic Industry Citizenship Coalition (EICC), en de Global e-Sustainability Initiative (GeSi), die ondernemingen uit verschillende sectoren helpen om problemen met mineralen in hun toeleveringsketen aan te pakken. Bekaert heeft ook een Conflict Free Minerals-beleid geïmplementeerd, gepubliceerd en verspreid.
Alle Bekaert-medewerkers krijgen de 'Bekaert Gedragscode' bij aanwerving. Dit document omvat de Bekaert-anticorruptiebeleidsregels en -procedures. Alle managers en bedienden moeten jaarlijks hun engagement voor de Bekaert Gedragscode verlengen en een test afleggen over situaties omtrent bedrijfsethiek.
De Code is ook aangehecht bij alle nieuwe arbeidscontracten voor bedienden en arbeiders wereldwijd.
Functionele groepen (bijv. de aankoopfuncties) kregen ook bijzondere trainingsprogramma's over de Gedragscode en anticorruptie en anti-omkoping. Bovendien doet de Interne Auditafdeling regelmatig audits naar de naleving van de respectieve beleidsregels en procedures, en beveelt ze correctieve acties aan waar nodig. Alle beleidsregels zijn beschikbaar voor Bekaert-medewerkers op het Bekaert Intranet.
We streven er voortdurend naar om processen te ontwikkelen die minder materiaalbronnen en energie verbruiken en afval verminderen.
Onze zorg voor het milieu wordt op drie deelaspecten toegepast:
In dit eerste domein is het onze ambitie om milieuvriendelijker productieprocessen voor onze fabrieken wereldwijd te ontwikkelen. We doen dit enerzijds door het implementeren van wereldwijde initiatieven gericht op een lager energieverbruik en verminderde CO2 -uitstoot, en anderzijds door het installeren van een duurzame infrastructuur in al onze nieuwe fabrieken.
In maart 2018 heeft Bekaert de ener.CON Europe Award 2018 gewonnen voor de energiebesparende inspanningen binnen het Bekaert Manufacturing System. Uit een longlist van 30 voorstellen selecteerde een expertenpanel Bekaerts project samen met twee andere genomineerden om de initiatieven voor te stellen tijdens de ener.CON Conference in Berlijn. Een BMS-verantwoordelijke hield een krachtig en overtuigend pleidooi waarin hij helder uitlegde welke impact de BMS-aanpak al heeft gehad en zal blijven hebben op het vlak van energiebesparing. Dat viel niet enkel in de smaak bij de energie- en milieuprofessionals van ener.CON: meer dan de helft van de 200 industrie-experten in het publiek stemden Bekaert tot winnaar.
De laatste behandelstap van het waterzuiveringssysteem zonder vloeistoflozingen bestaat uit een verdamper die het afvalwater scheidt tot hetzij vast afval of een schoon destillaat dat kan worden gerecupereerd in het proces.
Preventie- en risicobeheer spelen een belangrijke rol in Bekaerts milieubeleid. Dit omvat maatregelen tegen bodem- en grondwaterverontreiniging, verantwoord gebruik van water en een wereldwijde ISO 14001-certificering.
Bekaert ontwikkelt producten die bijdragen tot een schoner milieu. Ecologie is een aspect dat reeds vanaf de R&D-fase van nieuwe producten in beschouwing genomen wordt. In veel gevallen vormt het zelfs een drijfveer in productontwikkeling.
Enkele voorbeelden:
De China Rubber Industry Association (CRIA) gaf het Bekaert China-team een Contribution Award voor hun enorme inspanningen ter ondersteuning van het CRIA Green Tire week-initiatief. CRIA waardeert de inzet van Bekaert om lichtere, sterkere en betere staalkoord voor banden te ontwikkelen, wat een aanzienlijke bijdrage levert voor de ontwikkeling en promotie van ecologische banden.
In oktober 2017 hebben de ingenieursstudenten van het Belgian Solar Team brons gewonnen in de 3 000 km lange World Solar Challenge in Australië. De bekwame besturing van de auto was een van de cruciale elementen in deze succesvolle race en werd mogelijk gemaakt door een advanced cord in de stuurinrichting. Het solarteam was op zoek naar een lichte oplossing waarbij elke gram telt. De Bridon-Bekaert advanced cords-fabriek van Aalter (België) leverde een compacte kabel van 2,8 mm diameter die meer dan 700 kilo kracht op de assen kan dragen, en dit paste precies in het kader van de ultrasterke Bridon-Bekaert advanced cord-technologieën.
Bij sponsoring- en andere gemeenschapsactiviteiten leggen we de nadruk op educatieve projecten. Daarenboven steunen we plaatselijke initiatieven en projecten voor sociale, culturele en economische ontwikkeling, en leveren we gerichte bijstand bij rampen.
Wij geloven dat onderwijs en opleiding de sleutel voor een duurzame toekomst vormen. Daarom steunen wij wereldwijd initiatieven die de gemeenschappen waarin we actief zijn, helpen door middel van onderwijs en opleiding.
In China heeft Bekaert sterke relaties met verschillende scholen opgebouwd. Vrijwilligers van het Bekaert Technology Research & Development Center gaven een eerstehulptraining in de Jiangyin Chenguang Primary School. De leerlingen leerden hoe ze levensreddende handelingen, zoals CPR (cardiopulmonaire resuscitatie) en het gebruik van een AED (automatische externe defibrillator), moesten uitvoeren. Er werd tijdens de training ook een standaard noodprocedure voorgesteld.
In Brazilië hebben onze joint ventures deelgenomen aan het Youth Entrepreneurship-project, een programma dat jonge mensen voorbereidt op hun eerste stappen op de arbeidsmarkt. 30 werknemers gaven vrijwillig les aan kansarme jongeren over het verbeteren van hun professionele vaardigheden. 324 studenten namen deel aan dit toekomstgerichte initiatief.
Nog in Brazilië namen 630 studenten deel aan een wetenschappelijk onderwijsprogramma dat in 2016 werd opgericht. Het doel is om interesse voor wetenschap en bewustzijn voor het milieu te creëren.
In Noord-Amerika ondersteunt Bekaert de FFA, Future Farmers of America. Dit is een nationaal erkend programma dat agrarische opleidingen, carrièremogelijkheden en leiderschapsontwikkeling biedt voor de 649 355 studenten die er lid van zijn. Onze toewijding voor dit initiatief blijkt uit landbouwgerelateerde trainingen en sponsoring.
In verschillende van onze fabrieken en kantoren werd de Internationale Dag van het Kind gevierd. Collega's van onze fabriek in Slovakije woonden in het Children's Centre Hrajkovo een viering bij. Ze hielpen er met de activiteiten van de kinderopvang
In China heeft Bekaert een langdurige samenwerking met de Shanghai Pudong Lianying Primary School. Bekaertcollega's schonken ter gelegenheid van de Internationale Dag van het Kind nieuwe leesboeken aan de schoolbibliotheek.
Wij ondersteunen lokale activiteiten en projecten voor sociale, culturele en economische ontwikkeling die zijn gericht op het verbeteren van de maatschappelijke omstandigheden op de plaatsen waar wij actief zijn, onder andere door gezondheidsinitiatieven en gerichte hulp bij rampen.
In het afgelopen jaar werden meerdere delen van de wereld met verschillende natuurrampen geconfronteerd. We proberen de getroffen gezinnen te helpen door het verstrekken van bouwmateriaal, voedsel en financiële hulp.
Toen de Manabí-regio in Ecuador in april 2016 getroffen werd door een verwoestende aardbeving, werd de IdealAlambrec-Bekaert-fabriek door de overheid gecontracteerd als primaire bedrijfspartner in een groot wederopbouwprogramma voor de woningen. Direct na de aardbeving heeft Bekaert Latijns-Amerika samen met de IdealAlambrec-Bekaert-fabriek in Quito 10 woningen gedoneerd aan getroffen gezinnen in het gebied. In 2017 deden we een tweede donatie om onze inzet voor de heropbouw van de Manabí-regio te herbevestigen. De huizen voldoen aan de Ecuadoraanse regelgeving inzake aardbevingsbestendigheid van gebouwen. De bouwwerkzaamheden zijn uitgevoerd door lokale aannemers en technici om werkgelegenheid te bieden en om aan de ontwikkeling van de provincie bij te dragen.
De zuidelijke staten van de Verenigde Staten werden in augustus 2017 getroffen door de verwoestende orkaan Harvey. De Bekaert-fabriek in Van Buren verzamelde en doneerde geld aan gezinnen die hun huis kwijt waren.
In het begin van 2017 was er gedurende enkele weken een noodtoestand in Chili. Bosbranden woedden over het zuidelijke en centrale deel van het land en hebben huizen, vee en zelfs hele dorpen vernield. De Inchalam-Bekaert-fabriek bundelde haar krachten om gezinnen te steunen die hun huis kwijt waren. Voedsel en water werden aangeboden en Inchalam-Bekaert doneerde materiaal voor de reconstructie van de huizen in samenwerking met de NGO Techo Chile.
De Inchalam-Bekaert-fabriek neemt ook actief deel aan Mesa Empresa, een initiatief dat samenwerking tussen bedrijven en de lokale gemeenschap ondersteunt. Hun doel is om de levenskwaliteit te verbeteren door activiteiten op het gebied van cultuur, milieu, gezondheid, opleiding en recreatie te organiseren. In 2017 werkte Inchalam-Bekaert onder meer mee aan sportactiviteiten en een schoonmaakinitiatief ter gelegenheid van Wereldmilieudag.
Het verkoopteam van Marietta in de Verenigde Staten heeft een zintuigenspeeltuin voor kinderen met een beperking aangelegd in Moultrie in de staat Georgia. Dit project was een samenwerking met lokale organisaties die hulp bieden aan gehandicapte kinderen.
Overal ter wereld ondersteunt Bekaert lokale gezondheidsinitiatieven.
| Geconsolideerde winst-en-verliesrekening80 | |
|---|---|
| Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat 81 | |
| Geconsolideerde balans 82 | |
| Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen83 | |
| Geconsolideerd kasstroomoverzicht84 |
| 2. Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor de financiële verslaggeving85 | ||
|---|---|---|
| 2.1. | Conformiteitsverslag85 | |
| 2.2. | Algemene principes87 | |
| 2.3. | Balanselementen 88 | |
| 2.4. | Elementen van de winst-en-verliesrekening94 | |
| 2.5. | Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen95 | |
| 2.6. | Diverse95 | |
| 3. Cruciale beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden96 | ||
| 3.1. | Cruciale beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving96 | |
| 3.2. | Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden97 | |
| 4. Segmentrapportering98 | ||
| 4.1. | Kerngegevens per rapporteringssegment98 | |
| 4.2. | Omzet per productlijn100 | |
| 5. Elementen van de winst-en-verliesrekening 101 | ||
| 5.1. | Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie101 | |
| 5.2. | Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten104 | |
| 5.3. | Renteopbrengsten en -lasten 105 | |
| 5.4. | Overige financiële opbrengsten en lasten105 | |
| 5.5. | Winstbelastingen 106 | |
| 5.6. | Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen107 | |
| 5.7. | Winst per aandeel 107 | |
| 6. Balanselementen109 | ||
| 6.1. | Immateriële activa109 | |
| 6.2. | Goodwill 111 | |
| 6.3. | Materiële vaste activa 114 | |
| 6.4. | Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen 116 | |
| 6.5. | Overige vaste activa 119 | |
| 6.6. | Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen120 | |
| 6.7. | Operationeel werkkapitaal123 | |
| 6.8. | Overige vorderingen124 | |
| 6.9. | Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen124 | |
| 6.10. Overige vlottende activa 125 | ||
| 6.11. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa 125 6.12. Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, |
||
| op aandelen gebaseerde betalingen126 | ||
| 6.13. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves132 | ||
|---|---|---|
| 6.14. Minderheidsbelangen135 | ||
| 6.15. Voorzieningen voor personeelsbeloningen140 | ||
| 6.16. Overige voorzieningen149 | ||
| 6.17. Rentedragende schulden150 | ||
| 6.18. Overige verplichtingen op meer dan een jaar154 | ||
| 6.19. Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar154 | ||
| 7. Diverse elementen155 | ||
| 7.1. | Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht155 | |
| 7.2. | Effect van afgestoten activiteiten158 | |
| 7.3. | Beheer van financiële risico's en derivaten159 | |
| 7.4. | Voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen172 | |
| 7.5. | Verbonden partijen173 | |
| 7.6. | Gebeurtenissen na balansdatum 174 | |
| 7.7. | Opdrachten uitgevoerd door de commissaris en aanverwante personen 174 | |
| Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA179 | |
|---|---|
| Voorstel van resultaatsverwerking NV Bekaert SA 2017182 | |
| Statutaire benoemingen182 |
| Toe | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december | lichting | 2016 | 2017 |
| Omzet | 5.1. | 3 715 217 | 4 098 247 |
| Kostprijs van verkopen | 5.1. | -3 058 093 | -3 396 431 |
| Marge op omzet | 5.1. | 657 124 | 701 816 |
| Commerciële kosten | 5.1. | -175 769 | -180 100 |
| Administratieve kosten | 5.1. | -151 727 | -164 411 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | 5.1. | -63 322 | -62 670 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 5.1. | 14 657 | 48 863 |
| Andere bedrijfskosten | 5.1. | -21 309 | -25 436 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 5.1. | 259 654 | 318 062 |
| EBIT - Onderliggend | 5.1. / 5.2. | 304 952 | 301 095 |
| Renteopbrengsten | 5.3. | 6 325 | 3 117 |
| Rentelasten | 5.3. | -79 493 | -89 852 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | 5.4. | -37 458 | -6 408 |
| Resultaat vóór belastingen | 149 028 | 224 919 | |
| Winstbelastingen | 5.5. | -62 052 | -69 276 |
| Resultaat na belastingen (geconsolideerde ondernemingen) | 86 976 | 155 643 | |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde | |||
| ondernemingen | 5.6. | 25 445 | 26 857 |
| PERIODERESULTAAT | 112 421 | 182 500 | |
| Toerekenbaar aan | |||
| de Groep | 105 166 | 184 720 | |
| minderheidsbelangen van derden | 6.14. | 7 255 | -2 220 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze winst-en-verliesrekening.
| in € per aandeel | 5.7. | 2016 | 2017 |
|---|---|---|---|
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | |||
| Basisberekening | 1,869 | 3,255 | |
| Na verwateringseffect | 1,849 | 2,672 |
| Toe | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december | lichting | 2016 | 2017 |
| Perioderesultaat | 112 421 | 182 500 | |
| Andere elementen van het resultaat | 6.13. | ||
| Andere elementen van het resultaat die later geherclassificeerd kunnen | |||
| worden naar de winst-en-verliesrekening | |||
| Omrekeningsverschillen | |||
| Omrekeningsverschillen van de periode m.b.t. dochterondernemingen | 15 717 | -107 368 | |
| Omrekeningsverschillen van de periode m.b.t. joint ventures en | |||
| geassocieerde ondernemingen | 21 120 | -23 460 | |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge | |||
| afstotingen of gefaseerde overnames van entiteiten | - | 6 895 | |
| Inflatie-aanpassingen | 1 483 | 2 032 | |
| Kasstroomafdekkingen | |||
| Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten | 1 284 | 101 | |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge resultaatseffecten |
-542 | -348 | |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | |||
| Wijzigingen in reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop |
1 758 | -1 389 | |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge bijzondere waardeverminderingen of afstotingen |
591 | - | |
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het | |||
| resultaat die later geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en | |||
| verliesrekening | 6.6. | -135 | -75 |
| Andere elementen van het resultaat die later geherclassificeerd | |||
| kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen | 41 276 | -123 612 | |
| Andere elementen van het resultaat die later niet geherclassificeerd | |||
| kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening | |||
| Herwaarderingen van de nettoverplichting m.b.t. | |||
| toegezegdpensioenregelingen | -9 978 | 15 089 | |
| Aandeel in niet-herclassificeerbare andere elementen van het resultaat | |||
| van joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 40 | 16 | |
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het | |||
| resultaat die later niet geherclassificeerd kunnen worden naar de winst en-verliesrekening |
6.6. | -602 | -1 176 |
| Andere elementen van het resultaat die later niet geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen |
-10 540 | 13 929 | |
| Andere elementen van het resultaat (opgenomen in het eigen vermogen) | 30 736 | -109 683 | |
| VOLLEDIG PERIODERESULTAAT | 143 157 | 72 817 | |
| Toerekenbaar aan | |||
| de Groep | 134 687 | 87 481 | |
| minderheidsbelangen van derden | 6.14. | 8 470 | -14 664 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van dit geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat.
| Activa per 31 december | Toe | ||
|---|---|---|---|
| in duizend € | lichting | 2016 | 2017 |
| Immateriële activa | 6.1. | 140 377 | 125 217 |
| Goodwill | 6.2. | 152 345 | 149 895 |
| Materiële vaste activa | 6.3. | 1 514 714 | 1 501 028 |
| Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 6.4. | 146 582 | 165 424 |
| Overige vaste activa | 6.5. | 32 142 | 41 944 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 6.6. | 150 368 | 140 717 |
| Vaste activa | 2 136 528 | 2 124 225 | |
| Voorraden | 6.7. | 724 500 | 779 581 |
| Ontvangen bankwissels | 6.7. | 60 182 | 55 633 |
| Handelsvorderingen | 6.7. | 739 145 | 836 809 |
| Overige vorderingen | 6.8. | 108 484 | 126 876 |
| Geldbeleggingen | 6.9. | 5 342 | 50 406 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 6.9. | 365 546 | 418 779 |
| Overige vlottende activa | 6.10. | 52 225 | 44 329 |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6.11. | 112 361 | 8 093 |
| Vlottende activa | 2 167 785 | 2 320 506 | |
| Totaal | 4 304 313 | 4 444 731 |
| Passiva per 31 december | Toe | ||
|---|---|---|---|
| in duizend € | lichting | 2016 | 2017 |
| Kapitaal | 6.12. | 177 612 | 177 690 |
| Uitgiftepremies | 36 594 | 37 278 | |
| Overgedragen resultaten | 6.13. | 1 432 394 | 1 529 268 |
| Eigen aandelen | 6.13. | -127 974 | -103 038 |
| Overige Groepsreserves | 6.13. | -51 534 | -153 543 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep | 1 467 092 | 1 487 655 | |
| Minderheidsbelangen | 6.14. | 130 801 | 95 381 |
| Eigen vermogen | 1 597 893 | 1 583 036 | |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | 6.15. | 182 641 | 150 810 |
| Overige voorzieningen | 6.16. | 63 107 | 46 074 |
| Rentedragende schulden | 6.17. | 1 161 310 | 1 180 347 |
| Overige verplichtingen op meer dan een jaar | 6.18. | 44 873 | 27 121 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 6.6. | 52 556 | 44 382 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 1 504 487 | 1 448 734 | |
| Rentedragende schulden | 6.17. | 297 916 | 454 401 |
| Handelsschulden | 6.7. | 556 361 | 665 196 |
| Personeelsbeloningen | 6.7. / 6.15. | 132 913 | 130 204 |
| Overige voorzieningen | 6.16. | 17 720 | 9 181 |
| Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen | 101 683 | 91 597 | |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | 6.19. | 61 840 | 62 382 |
| Verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd | |||
| als aangehouden voor verkoop | 6.11. | 33 500 | - |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 1 201 933 | 1 412 961 | |
| Totaal | 4 304 313 | 4 444 731 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze geconsolideerde balans.
| Overige Groeps | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| reserves 1 | |||||||||
| in duizend € | Kapitaal | Uitgifte premies |
Over gedragen resultaten |
Eigen aandelen |
Gecumu leerde om rekenings verschillen |
Overige reserves |
Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep |
Minder heids belangen 2 |
Totaal |
| Saldo per | |||||||||
| 1 januari 2016 | 176 957 | 31 884 | 1 397 110 | -144 747 | -30 808 | -48 185 | 1 382 211 | 129 440 | 1 511 651 |
| Perioderesultaat | - | - | 105 166 | - | - | - | 105 166 | 7 255 | 112 421 |
| Andere elementen van het | |||||||||
| resultaat | - | - | 2 000 | - | 35 130 | -7 609 | 29 521 | 1 215 | 30 736 |
| Effect van | |||||||||
| bedrijfscombinatie met | |||||||||
| BBRG | - | - | -16 389 | - | -126 | -20 | -16 535 | 10 548 | -5 987 |
| Overige wijzigingen in | |||||||||
| Groepsstructuur | - | - | -173 | - | 90 | -6 | -89 | 72 | -17 |
| In eigenvermogens | |||||||||
| instrumenten afgewikkelde, | |||||||||
| op aandelen gebaseerde betalingen |
- | - | 4 387 | - | - | - | 62 | ||
| 4 387 | 4 449 | ||||||||
| Uitgifte nieuwe aandelen Transacties eigen |
655 | 4 710 | - | - | - | - | 5 365 | - | 5 365 |
| aandelen | - | - | -9 235 | 16 773 | - | - | 7 538 | - | 7 538 |
| Dividenden | - | - | -50 472 | - | - | - | -50 472 | -17 791 | -68 263 |
| Saldo per | |||||||||
| 31 december 2016 | 177 612 | 36 594 | 1 432 394 | -127 974 | 4 286 | -55 820 | 1 467 092 | 130 801 | 1 597 893 |
| Saldo per | |||||||||
| 1 januari 2017 | 177 612 | 36 594 | 1 432 394 | -127 974 | 4 286 | -55 820 | 1 467 092 | 130 801 | 1 597 893 |
| Perioderesultaat | - | - | 184 720 | - | - | - | 184 720 | -2 220 | 182 500 |
| Andere elementen van het resultaat |
- | - | 2 363 | - | -107 637 | 8 035 | -97 239 | -12 444 | -109 683 |
| Kapitaalverhogingen door | |||||||||
| minderheidsbelangen | - | - | - | - | - | - | - | 9 870 | 9 870 |
| Effect van gedeeltelijke | |||||||||
| afstoting van Bekaert | |||||||||
| Sumaré 3 | - | - | 2 432 | - | -2 396 | -36 | - | - | - |
| Effect van aankoop | |||||||||
| minderheidsbelangen | - | - | -18 200 | - | 17 | - | -18 183 | 1 163 | -17 020 |
| Effect van verkoop | |||||||||
| minderheidsbelangen | - | - | 4 191 | - | 96 | - | 4 287 | -4 287 | - |
| Overige wijzigingen in | |||||||||
| Groepsstructuur | - | - | -235 | - | -89 | - | -324 | 324 | - |
| In eigenvermogens | |||||||||
| instrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde |
|||||||||
| betalingen | - | - | 5 003 | - | - | - | 5 003 | 123 | 5 126 |
| Uitgifte nieuwe aandelen | 78 | 684 | - | - | - | - | 762 | - | 762 |
| Transacties eigen | |||||||||
| aandelen | - | - | -20 959 | 24 937 | - | - | 3 978 | - | 3 978 |
| Dividenden | - | - | -62 441 | - | - | - | -62 441 | -27 949 | -90 390 |
| Saldo per | |||||||||
| 31 december 2017 | 177 690 | 37 278 | 1 529 268 | -103 037 | -105 723 | -47 821 | 1 487 655 | 95 381 | 1 583 036 |
1 Zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'.
2 Zie toelichting 6.14. 'Minderheidsbelangen'.
3 Zie toelichting 7.2. 'Effect van afgestoten bedrijfsactiviteiten'.
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van dit geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen.
| Toe | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december | lichting | 2016 | 2017 |
| Bedrijfsactiviteiten | |||
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 5.1. / 5.2. | 259 654 | 318 062 |
| Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in het bedrijfsresultaat | 7.1. | 256 227 | 191 588 |
| Investeringsposten verwerkt in het bedrijfsresultaat | 7.1. | 1 034 | -16 194 |
| Gebruikte bedragen van voorzieningen voor personeelsbeloningen | |||
| en overige voorzieningen | 7.1. | -44 864 | -50 098 |
| Betaalde winstbelastingen | 5.5. / 7.1. | -96 388 | -87 059 |
| Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 375 663 | 356 299 | |
| Wijzigingen in operationeel werkkapitaal | 6.7. | 16 336 | -109 544 |
| Overige bedrijfskasstromen | 7.1. | 7 553 | -2 609 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 399 552 | 244 146 | |
| Investeringsactiviteiten | |||
| Nieuwe bedrijfscombinaties | 7.2. | 40 917 | - |
| Andere verwervingen van deelnemingen | 7.1. | -41 | -17 362 |
| Inkomsten uit verkoop van deelnemingen | 7.2. | 13 | 37 596 |
| Ontvangen dividenden | 6.4. | 22 422 | 28 615 |
| Investeringen in immateriële activa | 6.1. / 7.2. | -5 955 | -3 853 |
| Investeringen in materiële vaste activa | 6.3. | -158 529 | -272 666 |
| Overige investeringskasstromen | 7.1. | 1 187 | 1 404 |
| Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten | -99 986 | -226 266 | |
| Financieringsactiviteiten | |||
| Ontvangen rente | 5.3. | 7 338 | 3 284 |
| Betaalde rente | 5.3. | -63 397 | -60 066 |
| Betaalde brutodividenden aan aandeelhouders van NV Bekaert SA | -50 472 | -62 441 | |
| Betaalde brutodividenden aan minderheidsbelangen | -17 505 | -27 722 | |
| Inkomsten uit rentedragende langetermijnschulden | 6.17. | 172 072 | 179 274 |
| Aflossing van rentedragende langetermijnschulden | 6.17. | -375 255 | -29 829 |
| Kasstromen m.b.t. rentedragende kortetermijnschulden | 6.17. | -5 567 | 69 629 |
| Transacties eigen aandelen | 6.13. | 7 538 | 3 978 |
| Overige financieringskasstromen | 7.1. | 23 193 | -28 916 |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten | -302 055 | 47 191 | |
| Toename of afname (-) in geldmiddelen en kasequivalenten | -2 489 | 65 071 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - begin van de periode | 401 771 | 365 546 | |
| Effect van wisselkoersfluctuaties | -25 495 | -20 079 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - geherclassificeerd als aangehouden voor | |||
| verkoop | 6.11. | -8 241 | 8 241 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - einde van de periode | 365 546 | 418 779 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van dit geconsolideerd kasstroomoverzicht.
NV Bekaert SA (de 'Onderneming') is een onderneming die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de Onderneming omvat de Onderneming en haar dochterondernemingen (samen verder de 'Groep' of 'Bekaert' genoemd) en het belang van de Groep in joint ventures en geassocieerde ondernemingen gewaardeerd volgens de equity-methode. De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur van de Onderneming vrijgegeven voor publicatie op 28 maart 2018.
De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie. Deze jaarrekening is ook in overeenstemming met de IFRS-standaarden zoals gepubliceerd door de IASB.
De belangrijkste impact van nieuw toegepaste IFRS-richtlijnen heeft betrekking op de herziene IAS 7 'Het kasstroomoverzicht', Toelichtingsinitiatief (ingangsdatum 1 januari 2017), die meer toelichtingen vereist over wijzigingen in verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten (zie toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden').
Volgende herziene standaard werd van kracht gedurende de huidige verslagperiode en had geen impact op de gerapporteerde bedragen in deze jaarrekening. Deze kan echter wel een impact hebben op toekomstige transacties of overeenkomsten.
» Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS (cyclus 2014-2016) (ingangsdatum 1 januari 2017), gepubliceerd in december 2016. Deze verbeteringen hebben betrekking op IFRS 12 'Toelichting op belangen in andere entiteiten', en verduidelijken het toepassingsgebied van de vereiste toelichtingen.
De Groep heeft niet geopteerd voor vervroegde toepassing van volgende nieuwe of gewijzigde standaarden, waarvan de toepassing een impact zou kunnen hebben:
» IFRS 9 'Financiële instrumenten' (ingangsdatum 1 januari 2018). Alle opgenomen financiële activa die momenteel binnen het toepassingsgebied van IAS 39 vallen, moeten later gewaardeerd worden tegen geamortiseerde kostprijs of reële waarde. Alleen schuldinstrumenten verworven met de intentie om de contractuele kasstromen te ontvangen tot aan de vervaldatum worden tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerd. Andere schuldinstrumenten en alle eigenvermogensinstrumenten worden gewaardeerd tegen reële waarde. Eigenvermogensinstrumenten worden ofwel gewaardeerd tegen reële waarde via het resultaat (RWVR) ofwel tegen reële waarde via OCI (Other Comprehensive Income = andere elementen van het resultaat) (RWVOCI). Deze optie kan instrument per instrument gekozen worden en kan vervolgens niet meer worden teruggedraaid. In principe zal Bekaert haar belangrijkste strategische nietgeconsolideerde eigenvermogensinstrumenten waarderen tegen reële waarde via OCI. Dit heeft geen significante impact op datum van overgang. IFRS 9 wijzigt ook de vereisten inzake hedge accounting en voert het 'verwachte verlies'-model in voor bijzondere waardevermindering van financiële activa. Voorts wijzigt IFRS 9 ook de behandeling van een wijziging of uitwisseling van schuld die niet resulteert in een uitboeking. In een dergelijk geval wordt de geamortiseerde kostprijs herberekend door het verdisconteren van de gewijzigde contractuele kasstromen tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet en wordt het verschil direct in het resultaat opgenomen. Daarna wordt de effectieve rentevoet enkel nog herzien voor transactiekosten.
De Groep stopt met de toepassing van de hedgingvereisten onder IAS 39 vanaf 2018 (zoals toegestaan bij overgang naar IFRS 9), maar verwacht niet dat de toepassing van de IFRS 9-vereisten noch voor het 'verwachte verlies'-model, noch voor hedge accounting een significante impact zal hebben op de geconsolideerde jaarrekening. Bekaert maakt namelijk zelden gebruik van hedge accounting. Sinds de fusie met Bridon heeft de Groep een beperkt aantal kasstroomafdekkingen.
Bij de uitgifte van de converteerbare obligatielening voor € 380 miljoen in 2016, werd 75,9 % van de nieuwe obligaties verwerkt als een uitwisseling van financiële verplichtingen en werd er geen uitwisselingswinst of -verlies opgenomen onder IAS 39. De aangepaste regelgeving voor het verwerken van een wijziging of uitwisseling van schuld zal een impact van € -1,9 miljoen hebben op de openingsbalans van overgedragen resultaten per 1 januari 2018.
De Groep heeft als onderdeel van de overgang naar de nieuwe standaard geopteerd om de vergelijkbare cijfers voor 2017 niet te herwerken.
De Groep heeft als onderdeel van de overgang naar de nieuwe standaard geopteerd om de vergelijkbare cijfers voor 2017 niet te herwerken.
De Groep neemt opbrengsten op uit de volgende bronnen: levering van producten en in een mindere mate levering van diensten, en onderhanden projecten in opdracht van derden. Bekaert heeft bepaald dat de levering van goederen en de levering van diensten twee afzonderlijke prestatieverplichtingen zijn. Omzet zal worden opgenomen voor elk van deze prestatieverplichtingen op het ogenblik dat de controle over de betrokken goederen of diensten wordt overgedragen naar de klant. Dit is in overeenstemming met de huidige identificatie van afzonderlijke opbrengstcomponenten onder IAS 18. Bijgevolg verwachten wij niet dat de allocatie van de opbrengsten beduidend anders zal zijn dan hoe zij op vandaag wordt bepaald. Er wordt eveneens verwacht dat het ogenblik waarop de opbrengsten wordt opgenomen voor elk van deze prestatieverplichtingen in overeenstemming is met de huidige praktijk. Wat de onderhanden projecten in opdracht van derden betreft, heeft de Groep specifiek de IFRS 15-richtlijnen bestudeerd rond de combinatie van contracten, variabele vergoedingen en de aanwezigheid van een significante financieringscomponent in de contracten. De Groep heeft geoordeeld dat de opbrengsten uit onderhanden projecten in opdracht van derden dienen opgenomen te worden in verhouding tot het stadium van afwerking aangezien de klant reeds de controle over de machines heeft gedurende de opbouw door de Groep. Daarenboven is de Groep van oordeel dat de huidige inputmethode om te meten of er voldaan is aan de prestatieverplichtingen nog steeds toepasselijk zal zijn onder IFRS 15.
» IFRS 16 'Lease-overeenkomsten' (ingangsdatum 1 januari 2019), die in de plaats treedt van IAS 17 'Leaseovereenkomsten' en verwante interpretaties. De nieuwe standaard verlaat de classificatie van lease-overeenkomsten als ofwel operationele lease ofwel financiële lease voor een leasingnemer. In plaats daarvan worden alle leaseovereenkomsten in de balans opgenomen en gelijkaardig verwerkt als de financiële leases onder IAS 17, met uitzondering van kortlopende lease-overeenkomsten en leases van activa met geringe waarde. De verwerking door de leasinggever blijft echter vrijwel ongewijzigd.
IAS 17 vereist geen opname van een 'recht op gebruik' actief of -passief voor de toekomstige leasebetalingen van deze operationele lease-overeenkomsten, in plaats hiervan wordt bepaalde informatie toegelicht als operationele leasetoezeggingen in 7.4. 'Voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen'. Per 31 december 2017 heeft de Groep operationele leasetoezeggingen voor een nominaal bedrag van € 90,3 miljoen. Een eerste inschatting geeft aan dat deze operationele lease-overeenkomsten zullen voldoen aan de nieuwe definitie onder IFRS 16, en bijgevolg zal de Groep voor deze lease-overeenkomsten een 'recht op gebruik'-actief en overeenkomstige schuld opnemen in de toekomst, tenzij deze overeenkomsten in aanmerking komen als kortlopende lease-overeenkomsten of leases van activa met geringe waarde. Deze nieuwe verplichting tot het opnemen van een 'recht op gebruik'-actief en gerelateerde leaseschuld, zal een significante impact hebben op de bedragen opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van de Groep. Momenteel wordt de mogelijke impact geanalyseerd en het is niet mogelijk om een redelijke inschatting te maken van de financiële effecten zolang deze analyse niet is afgerond.
» IFRIC 23 'Onzekerheid over behandeling van winstbelastingen' (ingangsdatum 1 januari 2019). Deze interpretatie verduidelijkt hoe moet worden omgegaan met winstbelastingen wanneer het onzeker is dat de belastingsdiensten akkoord zullen gaan met de behandeling van belastingen door de Groep. De Groep bekijkt momenteel de mogelijke impact van deze interpretatie.
Verwacht wordt dat de overige nieuwe of gewijzigde standaarden en interpretaties die na 2017 van kracht worden geen belangrijke effecten op de jaarrekening zullen sorteren.
De geconsolideerde rekeningen worden voorgesteld in duizend euro, op basis van de historische kostprijsmethode, behalve voor derivaten, financiële activa aangehouden voor handelsdoeleinden en beschikbaar voor verkoop, die tegen reële waarde worden opgenomen. Financiële activa waarvoor geen prijsnotering voorhanden is in een actieve markt en waarvan de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan bepaald worden, worden tegen historische kostprijs gewaardeerd. Tenzij anders vermeld, werden de grondslagen voor financiële verslaggeving consistent met het vorig boekjaar toegepast.
Dochterondernemingen zijn entiteiten waarover NV Bekaert SA een beslissende invloed ('zeggenschap') uitoefent. Dit is het geval wanneer NV Bekaert SA blootgesteld is aan, of recht heeft op, variabele opbrengsten uit haar deelneming in de entiteit en de mogelijkheid heeft om deze opbrengsten te beïnvloeden door haar macht over de entiteit. De jaarrekeningen van dochterondernemingen worden in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap. Alle intragroepsverrichtingen, intragroepssaldi en niet-gerealiseerde winsten op intragroepsverrichtingen worden geëlimineerd; niet-gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd tenzij het om permanente waardeverminderingen gaat. Het deel van het eigen vermogen en van het resultaat dat toewijsbaar is aan de minderheidsaandeelhouders wordt afzonderlijk vermeld in de balans, respectievelijk de winst-en-verliesrekening. Wijzigingen in het aandeelhouderschap van de Groep in dochterondernemingen waarbij de Groep de zeggenschap niet verliest, worden verwerkt als eigenvermogentransacties. Daarbij worden de nettoboekwaardes van de Groepsbelangen en van minderheidsbelangen aangepast aan de gewijzigde participatieverhoudingen in deze dochterondernemingen. Verschillen tussen de aanpassing van de minderheidsbelangen en de reële waarde van de betaalde of ontvangen overnamevergoeding worden rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen. Wanneer de Groep de zeggenschap in een dochteronderneming verliest, wordt de winst of het verlies op de afstoting bepaald als het verschil tussen:
Er is sprake van een gezamenlijke overeenkomst wanneer NV Bekaert SA contractueel overeengekomen is om de zeggenschap te delen met een of meerdere partijen, wat enkel het geval is wanneer beslissingen over de relevante activiteiten de unanieme goedkeuring vereisen van de partijen die gezamenlijke zeggenschap hebben. Een gezamenlijke overeenkomst kan behandeld worden als een gezamenlijke activiteit (wanneer NV Bekaert SA rechten op de activa en verbintenissen voor de verplichtingen heeft) of als een gezamenlijke entiteit / joint venture (wanneer NV Bekaert SA enkel recht heeft op het nettoactief). Geassocieerde ondernemingen zijn ondernemingen waarin NV Bekaert SA, rechtstreeks of onrechtstreeks, een invloed van betekenis heeft en die geen dochterondernemingen of gezamenlijke overeenkomsten zijn. Dit is verondersteld het geval te zijn indien de Groep tenminste 20% van de stemrechten verbonden met de aandelen bezit. De opgenomen financiële informatie met betrekking tot deze ondernemingen is opgesteld volgens de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep. Wanneer de Groep gezamenlijke zeggenschap in een joint venture verwerft of een invloed van betekenis in een geassocieerde onderneming, wordt het aandeel in de verworven activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen initieel geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum en verwerkt volgens de equity-methode. Indien de overnamevergoeding meer bedraagt dan de reële waarde van het verworven aandeel in de overgenomen activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen wordt dit verschil als goodwill opgenomen. Is de aldus berekende goodwill negatief, dan wordt dit verschil onmiddellijk in het resultaat verwerkt. Daarna wordt het aandeel van de Groep in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen overeenkomstig de equitymethode in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen tot de dag dat er een einde komt aan de gezamenlijke zeggenschap of de invloed van betekenis. Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen van een joint venture of geassocieerde onderneming groter wordt dan de boekwaarde van de deelneming, wordt de boekwaarde op nul gezet en worden bijkomende verliezen enkel nog opgenomen in de mate dat de Groep bijkomende verplichtingen op zich genomen heeft. Niet-gerealiseerde winsten uit transacties met joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden geëlimineerd ten belope van het belang van de Groep tegenover de deelneming in de joint venture of de geassocieerde onderneming. De nettoboekwaarde van deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen wordt opnieuw geëvalueerd indien er indicaties zijn van een bijzondere waardevermindering, of indicaties dat eerder opgenomen bijzondere waardeverminderingen niet langer gerechtvaardigd zijn. De deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen in de balans omvatten ook de boekwaarde van gerelateerde goodwill.
Elementen uit de jaarrekening van elk van de Groepsentiteiten worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit werkt (de 'functionele valuta'). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, de functionele valuta van de onderneming en tevens de presentatievaluta van de Groep. De jaarrekeningen van buitenlandse dochterondernemingen worden als volgt omgerekend:
dagkoers van het jaar, of, voor de Venezolaanse entiteiten, tegen de economische wisselkoers op de balansdatum, zoals vereist voor entiteiten met een functionele valuta die de valuta is van een economie met hyperinflatie in overeenstemming met IAS 21 'De gevolgen van wisselkoerswijzigingen';
» componenten van het eigen vermogen tegen historische wisselkoers.
Wisselkoersverschillen die ontstaan bij de omrekening van de nettoinvestering in buitenlandse dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen tegen de slotkoers worden in het eigen vermogen opgenomen onder 'Gecumuleerde omrekeningsverschillen'. Bij verkoop van buitenlandse entiteiten worden de betreffende gecumuleerde omrekeningsverschillen opgenomen in de winst-en-verliesrekening als deel van de gerealiseerde meer- of minwaarde op de verkoop. In de jaarrekening van de moedervennootschap en haar dochterondernemingen worden alle monetaire activa en verplichtingen in vreemde valuta omgerekend tegen de wisselkoers op de balansdatum, wat aanleiding geeft tot niet-gerealiseerde wisselresultaten. Alle gerealiseerde en niet-gerealiseerde koerswinsten en -verliezen worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen, behalve wanneer zij opgespaard worden in het eigen vermogen als in aanmerking komende kasstroomafdekkingen en afdekkingen van nettoinvesteringen. Goodwill wordt beschouwd als een actief van de overgenomen partij en wordt daarom verwerkt in de valuta van de overgenomen partij en omgerekend tegen de slotkoers.
Immateriële activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde; afzonderlijk verworven immateriële activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Na hun initiële opname worden immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs of reële waarde verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Immateriële activa worden lineair afgeschreven over hun naar best vermogen geschatte gebruiksduur. De afschrijvingsduur en -methode worden elk jaar opnieuw geëvalueerd bij afsluiting van het boekjaar. Een wijziging in de gebruiksduur van een immaterieel actief wordt prospectief verwerkt als een schattingswijziging. Volgens de bepalingen van IAS 38 kunnen immateriële activa een onbepaalde gebruiksduur hebben. Indien de gebruiksduur van een immaterieel actief niet kan worden bepaald, wordt er geen afschrijving opgenomen en wordt het actief minstens jaarlijks geëvalueerd met het oog op een bijzondere waardevermindering.
Uitgaven voor aangekochte licenties, patenten, handelsmerken en soortgelijke rechten worden geactiveerd en lineair afgeschreven over de contractuele looptijd, indien van toepassing, of over de geschatte gebruiksduur, die gewoonlijk ingeschat wordt op hoogstens 10 jaar.
Uitgaven met betrekking tot aankoop, ontwikkeling of onderhoud van computersoftware worden over het algemeen ten laste van het resultaat genomen op het ogenblik dat ze zich voordoen. Alleen externe uitgaven die rechtstreeks verband houden met de aankoop en implementatie van aangekochte ERP-software worden als immateriële activa opgenomen en lineair afgeschreven over 5 jaar.
Het gebruiksrecht van terreinen wordt opgenomen als immaterieel actief en lineair afgeschreven over de contractuele periode die in de meeste gevallen 50 jaar bedraagt, maar kan variëren tussen 30 en 100 jaar.
Commerciële activa omvatten vooral klantenlijsten, contracten met klanten en merknamen, meestal verworven in bedrijfscombinaties, en met een gebruiksduur van 8 tot 15 jaar.
Bij gebrek aan IASB-standaarden en -interpretaties betreffende de administratieve verwerking van CO2-emissierechten, heeft de Groep de 'nettobenadering' gebruikt. Deze methode houdt in dat:
Uitgaven voor onderzoeksactiviteiten met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis of inzichten worden als kosten in de winst-en-verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen.
Uitgaven voor ontwikkelingsactiviteiten, waarbij onderzoeksresultaten toegepast worden in een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen voorafgaand aan commerciële productie of ingebruikname, worden alleen opgenomen in de balans als aan alle onderstaande voorwaarden is voldaan:
Geactiveerde ontwikkelingskosten worden lineair afgeschreven vanaf de start van de commerciële productie van het product over de verwachte duur van de gegenereerde voordelen. De afschrijvingsduur is normaliter hoogstens tien jaar. Een lopend onderzoeks- en ontwikkelingsproject verworven in een bedrijfscombinatie wordt afzonderlijk van goodwill geactiveerd als zijn reële waarde betrouwbaar kan bepaald worden.
Overnames van bedrijven worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overgedragen overnamevergoeding in een bedrijfscombinatie wordt gewaardeerd tegen reële waarde, die berekend wordt als de som van de reële waardes op de overnamedatum van de activa afgestaan door de Groep, de verplichtingen opgenomen door de Groep tegenover de vorige eigenaars van de overgenomen activiteit en de participaties afgestaan door de Groep in ruil voor de zeggenschap in de overgenomen partij. Uitgaven in verband met de overname worden opgenomen in het resultaat zodra ze zich voordoen. De identificeerbare overgenomen activa en opgelopen verplichtingen worden opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum. Goodwill wordt bepaald als het verschil tussen:
(i) de som van volgende elementen:
(ii) het saldo van de identificeerbare overgenomen activa min de opgelopen verplichtingen op de overnamedatum. Indien dit verschil, na een grondige evaluatie, negatief blijkt ('negatieve goodwill'), dan wordt het onmiddellijk in het resultaat opgenomen als een opbrengst uit een voordelige aankoop.
Minderheidsbelangen worden initieel gewaardeerd ofwel tegen reële waarde ofwel tegen hun evenredig aandeel in de opgenomen waarde van de identificeerbare nettoactiva van de overgenomen partij. Deze waarderingskeuze kan transactie per transactie gemaakt worden.
Wanneer de overnamevergoeding die de Groep verschuldigd is bij een bedrijfscombinatie voorwaardelijke vorderingen of verplichtingen omvat, wordt de voorwaardelijke vergoeding gewaardeerd tegen haar reële waarde op de overnamedatum en opgenomen in de overnamevergoeding voor de bedrijfscombinatie. Latere wijzigingen in reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding worden opgenomen in het resultaat.
Wanneer een bedrijfscombinatie in fasen tot stand komt, wordt het belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum (d.i. de datum waarop de Groep de zeggenschap verwerft), en wordt de eventuele opbrengst of last opgenomen in het resultaat. Bedragen met betrekking tot belangen in de overgenomen partij vóór de overnamedatum die voorheen rechtstreeks opgenomen werden in het eigen vermogen, worden overgedragen naar de winst-en-verliesrekening indien dat ook van toepassing zou zijn bij afstoting van de betreffende belangen.
Voor het toetsen op bijzondere waardevermindering wordt goodwill toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden van de Groep waarvan verwacht wordt dat zij voordelen zullen halen uit de synergieën van de bedrijfscombinatie. Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen. Dit gebeurt ook tussentijds wanneer er aanwijzingen zijn dat de boekwaarde van de eenheid hoger zou kunnen zijn dan de realiseerbare waarde. Indien de realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid lager is dan haar boekwaarde, wordt de bijzondere waardevermindering eerst in mindering gebracht van de boekwaarde van de goodwill die aan de kasstroomgenererende eenheid werd toegewezen. Daarna wordt de bijzondere waardevermindering toegewezen aan de andere vaste activa die tot de eenheid behoren, evenredig met hun boekwaarde. Wanneer een bijzondere waardevermindering voor goodwill eenmaal is opgenomen, wordt deze in een latere periode niet teruggenomen.
De Groep heeft geopteerd voor het historischekostprijsmodel en niet voor het herwaarderingsmodel. Afzonderlijk verworven materiële vaste activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Materiële vaste activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen hun reële waarde, die vanaf dan geldt als hun kostprijs. Na hun initiële opname worden materiële vaste activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat alle directe kosten en uitgaven die opgelopen werden om het actief op de locatie en in de staat te brengen die noodzakelijk is om op de beoogde wijze te functioneren. Financieringskosten die direct toewijsbaar zijn aan de verwerving, bouw of productie van een in aanmerking komend actief worden geactiveerd als deel van de kost van dat actief. Materiële vaste activa worden lineair afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur, naargelang van hun categorie.
De gebruiksduur en de afschrijvingsmethode worden minstens op het einde van elk boekjaar opnieuw geëvalueerd. Tenzij herzien ten gevolge van specifieke wijzigingen in de verwachte
gebruiksduur, worden volgende jaarlijkse afschrijvingspercentages toegepast:
| » terreinen | 0% |
|---|---|
| » gebouwen | 5% |
| » installaties, machines en uitrusting | 8%-25% |
| » testapparatuur voor onderzoek en ontwikkeling 16,7%-25% | |
| » meubilair en rollend materieel | 20% |
| » computermaterieel | 25% |
| Activa aangehouden via financiële lease worden afge | |
| schreven over hun verwachte gebruiksduur op dezelfde basis |
schreven over hun verwachte gebruiksduur op dezelfde basis als activa in eigendom of – indien korter – over de relevante leaseperiode. Als de boekwaarde van een actief hoger is dan de geschatte realiseerbare waarde, wordt het onmiddellijk afgeschreven tot op de realiseerbare waarde (zie paragraaf over 'Bijzondere waardevermindering van activa'). Meeren minwaarden bij de realisatie van vaste activa worden opgenomen in het bedrijfsresultaat.
Lease-overeenkomsten die aan de Groep vrijwel alle aan de eigendom van een actief verbonden risico's en voordelen overdragen, worden geclassificeerd als financiële lease. Materiële vaste activa verworven via een financiële lease worden in de balans opgenomen tegen hun reële waarde bij de aanvang van de lease-overeenkomst, of – indien deze lager is – tegen de contante waarde van de minimale leasebetalingen op het tijdstip van het aangaan van de leaseovereenkomst, verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De disconteringsvoet die gebruikt wordt bij de berekening van de contante waarde van de minimale leasebetalingen is de impliciete rentevoet van de lease-overeenkomst. Als deze niet kan achterhaald worden, wordt de marginale rentevoet van de onderneming gebruikt. Initiële directe kosten worden mee geactiveerd. Leasebetalingen worden opgesplitst in rentelasten en aflossingen van de uitstaande verplichting. Gedurende de leaseperiode worden de rentelasten aan elke periode toegerekend op een manier die resulteert in een constante periodieke rentevoet op het resterende saldo van de verplichting voor elke periode. Een financiële lease-overeenkomst geeft aanleiding tot zowel een afschrijvingslast voor het actief als een rentelast in elke periode. De afschrijvingsregels voor geleasede activa zijn consistent met deze voor activa in eigendom.
Lease-overeenkomsten waarbij alle wezenlijke risico's en voordelen inherent aan de eigendom bij de leasinggever berusten worden als operationele lease-overeenkomsten geclassificeerd. Bij een operationele lease worden de leasebetalingen als kosten opgenomen en lineair gespreid over de leaseperiode. De totale waarde van de kortingen of voordelen toegestaan door de leasinggever wordt in mindering gebracht van de leasekosten en lineair gespreid over de leaseperiode. Inrichtingskosten van gebouwen onder operationele lease worden afgeschreven over de geschatte gebruiksduur of – indien korter – over de relevante leaseperiode.
Investeringssubsidies met betrekking tot de aankoop van materiële vaste activa worden in mindering gebracht van de kostprijs van deze activa. Zij worden in de balans opgenomen tegen hun verwachte waarde op het ogenblik van de initiële goedkeuring en – indien nodig – achteraf gecorrigeerd bij de definitieve toekenning. De subsidie wordt afgeschreven over dezelfde periode als de materiële vaste activa waarvoor de subsidie werd verkregen.
De Groep classificeert zijn financiële activa in volgende categorieën: tegen reële waarde via het resultaat, leningen en vorderingen en beschikbaar voor verkoop. De classificatie hangt af van de bedoeling waarmee de financiële activa werden aangeschaft. Het management legt de classificatie van financiële activa vast bij hun initiële opname.
Financiële activa worden geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat als ze aangehouden worden voor handelsdoeleinden. Financiële activa tegen RWVR worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende baten of lasten in het resultaat opgenomen worden. Een financieel actief wordt in deze categorie ondergebracht als het voornamelijk aangeschaft werd om het op korte termijn te verkopen. Derivaten behoren ook tot de categorie tegen RWVR, tenzij ze aangemerkt werden en effectief zijn als afdekking.
Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële instrumenten met vaste of bepaalbare betalingen die niet genoteerd worden in een actieve markt. Tot de categorie leningen en vorderingen van de Groep behoren – tenzij anders vermeld – volgende balanselementen: handelsvorderingen en overige vorderingen, ontvangen bankwissels, geldbeleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten. Leningen en vorderingen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode, na aftrek van bijzondere waardeverminderingen.
Betaling door middel van bankwissels is een wijdverbreide praktijk in China. Ontvangen bankwissels worden ofwel geïnd op de vervaldag, ofwel verdisconteerd voor de vervaldag, ofwel doorgegeven aan een leverancier als betaling van een schuld. Verdisconteren gebeurt ofwel met, ofwel zonder verhaal. Met verhaal betekent dat de verdisconterende bank terugbetaling kan eisen indien de uitgever zijn verplichting niet nakomt. Wanneer een bankwissel verdisconteerd wordt met verhaal, wordt het ontvangen bedrag niet afgeboekt van de uitstaande ontvangen bankwissels, maar wordt een verplichting opgezet onder 'rentedragende schulden op ten hoogste een jaar' tot de vervaldag van de wissel.
Kasequivalenten en geldbeleggingen zijn kortlopende beleggingen die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen waarvan het bedrag gekend is. Zij houden geen significant risico op waardeverandering in. Kasequivalenten zijn in hoge mate liquide en hebben een oorspronkelijke looptijd van hoogstens drie maanden, terwijl geldbeleggingen een oorspronkelijke looptijd van meer dan drie maanden en ten hoogste een jaar hebben.
Vaste activa beschikbaar voor verkoop omvatten deelnemingen in entiteiten die niet in de eerste plaats aangeschaft werden om ze op korte termijn te verkopen, en die noch integraal, noch volgens de equity-methode geconsolideerd worden. Activa in deze categorie worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende baten en lasten rechtstreeks in het eigen vermogen worden opgenomen. Bij een bijzondere waardevermindering wordt het gecumuleerd verlies overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening. Zij worden echter tegen kostprijs gewaardeerd als er geen prijsnotering in een actieve markt voorhanden is en als hun reële waarde niet op een betrouwbare manier bepaald kan worden met behulp van alternatieve waarderingsmethoden.
Financiële activa, behalve deze tegen RWVR, worden getoetst op bijzondere waardevermindering wanneer er hiervoor objectieve aanwijzingen zijn. Een aanzienlijke of langdurige daling van de reële waarde van een belegging in een eigenvermogensinstrument beneden de kostprijs vormt een objectieve aanwijzing voor een bijzondere waardevermindering. De Groep beschouwt elke daling van meer dan 30% beneden de kostprijs als aanzienlijk en elke daling die langer dan een jaar aanhoudt als langdurig. Wanneer een daling in reële waarde van een financieel actief beschikbaar voor verkoop in andere elementen van het resultaat werd opgenomen en er objectieve aanwijzingen zijn van bijzondere waardevermindering van het actief, wordt het gecumuleerd verlies dat opgenomen werd in andere elementen van het resultaat geherclassificeerd van eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening als een bijzondere waardevermindering. Bijzondere waardeverminderingen op financiële activa beschikbaar voor verkoop worden nooit teruggenomen via de winst-en-verliesrekening. Voor handelsvorderingen en ontvangen bankwissels worden oninbaar geachte bedragen op elke balansdatum afgeschreven tegenover de betreffende provisierekening. Zowel toevoegingen aan deze provisierekening als terugnames worden gerapporteerd onder 'commerciële kosten' in de winst-en-verliesrekening.
Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen opbrengstwaarde indien deze lager is. De kostprijs wordt bepaald volgens de FIFO-methode (first-in, first-out). Van geproduceerde voorraden omvat de kostprijs alle directe en indirecte productiekosten die nodig zijn om de goederen tot hun afwerkingsstadium op balansdatum te brengen. De opbrengstwaarde staat gelijk met de geschatte verkoopprijs in normale marktomstandigheden, verminderd met de kosten die nodig zijn voor afwerking en verkoop.
Bij inkoop van eigen aandelen wordt de aanschaffingsprijs, samen met de direct toewijsbare transactiekosten, opgenomen als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden in de balans gerapporteerd als een vermindering van het eigen vermogen. Bij annulering of verkoop van eigen aandelen wordt het transactieresultaat opgenomen in de overgedragen resultaten.
De minderheidsbelangen vertegenwoordigen het aandeel van de minderheidsaandeelhouders in het eigen vermogen van dochterondernemingen waarin de Groep niet de volle 100% bezit. Minderheidsbelangen worden op de overnamedatum gewaardeerd ofwel tegen hun reële waarde ofwel tegen het evenredig belang van de minderheidsaandeelhouders in de reële waarde van de opgenomen nettoactiva bij verwerving van een dochteronderneming (bedrijfscombinatie). Nadien wordt hun waarde aangepast voor hun evenredig deel in latere winsten of verliezen. De verliezen die toewijsbaar zijn aan minderheidsaandeelhouders in een geconsolideerde dochteronderneming kunnen groter zijn dan hun aandeel in het eigen vermogen van de dochteronderneming. Een evenredig deel van het volledig perioderesultaat wordt toegewezen aan de minderheidsbelangen, ook al wordt het saldo van de minderheidsbelangen daardoor negatief.
Voorzieningen worden opgenomen in de balans indien de Groep op balansdatum een wettelijke of feitelijke verplichting heeft als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, waarvoor het waarschijnlijk nodig zal zijn middelen te besteden die economische voordelen inhouden die op een betrouwbare manier geschat kunnen worden. Elke voorziening is gebaseerd op de beste schatting van de uitgave die nodig is om aan de bestaande verplichting te voldoen op de balansdatum. Indien aangewezen, worden voorzieningen verdisconteerd.
Een voorziening voor herstructurering wordt enkel opgenomen wanneer de Groep een gedetailleerd en formeel herstructureringsplan heeft goedgekeurd en de herstructurering ofwel werd aangevat, ofwel publiekelijk werd aangekondigd vóór balansdatum. Voorzieningen voor herstructurering omvatten enkel uitgaven die een rechtstreeks gevolg zijn van de herstructurering en geen verband houden met het voortzetten van de activiteiten van de entiteit.
Voorzieningen voor bodemsanering met betrekking tot vervuilde terreinen worden opgenomen overeenkomstig het door de Groep gepubliceerde milieubeleid en de vigerende wettelijke bepalingen.
De moedervennootschap en verschillende van haar dochterondernemingen voorzien in pensioen-, overlijdens- en gezondheidszorgregelingen ten gunste van een belangrijk deel van hun werknemers.
De meeste pensioenregelingen zijn van het type 'toegezegdpensioen', en de voordelen zijn afhankelijk van het aantal jaren dienst en het verloningsniveau. Bij toegezegdpensioenregelingen komt het in de balans opgenomen bedrag (de nettoverplichting of -vordering) overeen met de contante waarde van de brutoverplichting, verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De contante waarde van de brutoverplichting van een toegezegdpensioenregeling is de contante waarde, vóór aftrek van de fondsbeleggingen, van de verwachte toekomstige betalingen die vereist zijn om de verplichting af te wikkelen die resulteert uit het dienstverband van de werknemer in de lopende periode en in voorgaande perioden. Voor toegezegdpensioenregelingen worden de contante waarde van de brutoverplichting en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten en eventuele pensioenkosten van verstreken diensttijd berekend volgens de projected unit creditmethode. De disconteringsvoet komt overeen met het rendement op balansdatum op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een resterende looptijd die vergelijkbaar is met deze van de verplichtingen van de Groep. Wanneer de reële waarde van de fondsbeleggingen groter is dan de contante waarde van de brutoverplichting, wordt de op te nemen nettovordering begrensd tot een maximumbedrag (de asset ceiling). Het maximumbedrag komt overeen met de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen of verminderingen van toekomstige bijdragen tot de regeling. De nettorente op de nettoverplichting / nettovordering is gebaseerd op dezelfde disconteringsvoet. Actuariële winsten en verliezen omvatten ervaringsaanpassingen (de gevolgen van verschillen tussen de voorgaande actuariële veronderstellingen en wat zich werkelijk voorgedaan heeft) en de gevolgen van wijzigingen in actuariële veronderstellingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd vertegenwoordigen de wijziging in de contante waarde van de brutoverplichting voor prestaties die in voorgaande perioden door werknemers zijn verricht, en die in de verslagperiode resulteren uit planwijzigingen of inperkingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk opgenomen via het resultaat. Herwaarderingen van de nettoverplichting (-vordering) omvatten (a) actuariële winsten en verliezen, (b) het rendement op de fondsbeleggingen, na aftrek van de bedragen die opgenomen werden in de nettorente op de nettoverplichting (-vordering) en (c) wijzigingen in het effect van de asset ceiling, na aftrek van bedragen die al vervat zitten in de nettorente op de nettoverplichting (-vordering). Herwaarderingen worden onmiddellijk opgenomen via het eigen vermogen. Een afwikkeling is een transactie die alle verdere wettelijke of feitelijke verplichtingen wegneemt voor alle voordelen of een gedeelte van de voordelen voorzien door de toegezegdpensioenregeling, voor zover het niet gaat om een uitkering van voordelen aan, of in naam van, werknemers die beschreven is in de beschikkingen van de regeling en vervat zit in de actuariële veronderstellingen.
In de winst-en-verliesrekening worden de pensioenkosten zowel van het dienstjaar als van verstreken diensttijd, met inbegrip van winsten of verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT), terwijl de nettorente op de nettoverplichting (-vordering) in de rentelasten wordt opgenomen, als rentegedeelte van rentedragende voorzieningen. Brugpensioenregelingen in België en gezondheidszorgregelingen in de Verenigde Staten worden ook verwerkt als toegezegdpensioenregelingen.
Verplichtingen aangaande bijdragen tot toegezegdebijdragenregelingen worden ten laste van de winst-en-verliesrekening genomen op het ogenblik dat zij ontstaan. In België legt de Belgische pensioenwetgeving een minimumrendement op. Tot voor 2015 werden toegezegdebijdragenregelingen in België in wezen verwerkt als toegezegdebijdragenregelingen. De nieuwe wetgeving die van kracht werd in december 2015 bracht de verplichte kwalificatie als toegezegdpensioenregeling met zich, waardoor er per jaareinde 2016 een actuariële waardering werd uitgevoerd.
Andere langetermijnpersoneelsbeloningen zoals jubileumpremies worden verwerkt volgens de projected unit creditmethode. De boekhoudkundige verwerking verschilt echter met die van de vergoedingen na uitdiensttreding, omdat actuariële winsten en verliezen onmiddellijk opgenomen worden via het resultaat.
De Groep kent op aandelen gebaseerde, in eigenvermogensinstrumenten en in geldmiddelen afgewikkelde betalingen toe aan bepaalde werknemers. De aandelenoptieplannen, het prestatieaandelenplan en het personal shareholding requirement plan die werknemers van de Groep het recht toekennen om aandelen van NV Bekaert SA te verwerven zijn van het type 'in eigenvermogensinstrumenten afgewikkeld'.
Share appreciation rights en prestatieaandeel-eenheden zijn van het type 'in geldmiddelen afgewikkeld', omdat ze aan de werknemers van de Groep een bonus in geldmiddelen toekennen waarvan het bedrag afhankelijk is van de koers van het Bekaertaandeel op de Euronextbeurs.
In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum (zonder rekening te houden met het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden). De reële waarde op de toekenningsdatum van in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen wordt ten laste genomen van het resultaat met daartegenover een toename van het eigen vermogen. De reële waarde wordt lineair afgeschreven over de wachtperiode tot de definitieve toezegging, gebaseerd op het geschatte aantal aandelenopties van de Groep dat uiteindelijk zal toegezegd worden, en aangepast voor het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden.
In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen als verplichtingen tegen hun reële waarde, die op elke balansdatum en op de datum van afwikkeling herbepaald wordt. Wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening.
De Groep gebruikt een binomiaal model om de reële waarde van op aandelen gebaseerde betalingen te bepalen.
Rentedragende schulden omvatten financiële verplichtingen en leningen die initieel opgenomen worden tegen de reële waarde van de ontvangen geldmiddelen, na aftrek van transactiekosten. Later worden ze aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode. Verschillen tussen het ontvangen bedrag (na aftrek van transactiekosten) en het terug te betalen bedrag op de vervaldatum worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen tijdens de duur van de verplichting. Indien financiële verplichtingen afgedekt zijn met behulp van derivaten die als reëlewaardeafdekking worden aangemerkt, worden de afdekkingsinstrumenten gewaardeerd tegen reële waarde en wordt de waardering van de afgedekte posities aangepast voor reëlewaardewijzigingen ten gevolge van het afgedekte risico (zie grondslagen voor financiële verslaggeving over derivaten en afdekking).
Handelsschulden en overige vlottende verplichtingen – met uitzondering van derivaten – worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs, die overeenkomt met de reële waarde van de te betalen vergoeding, en worden vervolgens gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.
Winstbelastingen worden ingedeeld in actuele en uitgestelde belastingen. Actuele belastingen omvatten de verwachte, over de verslagperiode verschuldigde belastingen en aanpassingen aan de belastingen van vorige jaren. Uitgestelde belastingen worden volgens de balansmethode berekend op tijdelijke verschillen tussen enerzijds de belastingbasis van activa en verplichtingen en anderzijds hun nettoboekwaarde. Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn op de belastbare winst in de periode waarin de tijdelijke verschillen gerealiseerd of afgerekend zullen worden, op basis van de belastingtarieven die wettelijk vastliggen of zo goed als vastgelegd zijn op de balansdatum. Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen in de mate dat het waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst zal gerealiseerd worden waartegen de tijdelijke verschillen afgezet kunnen worden; dit criterium wordt op elke balansdatum opnieuw geëvalueerd. Uitgestelde belastingen worden ook berekend voor tijdelijke verschillen op deelnemingen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, behalve in het geval dat de Groep kan beslissen over het tijdstip waarop het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt en het onwaarschijnlijk is dat het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt in de nabije toekomst.
De Groep gebruikt derivaten om valuta- en renterisico's af te dekken die voortvloeien uit bedrijfs-, financieringsen investeringsactiviteiten. Het nettorisico van alle dochterondernemingen van de Groep wordt centraal beheerd door de Groepsdienst Thesaurie in overeenstemming met de doelstellingen en regels die door het management vastgelegd werden. Het is de politiek van de Groep om geen speculatieve transacties of transacties met een hefboomeffect aan te gaan.
Derivaten worden initieel opgenomen en ook nadien gewaardeerd tegen reële waarde. De reële waarde van verhandelde derivaten is hun marktwaarde. Indien er geen marktwaarde beschikbaar is, wordt de reële waarde berekend op basis van gekende financiële waarderingsmodellen, gebaseerd op relevante marktkoersen op de balansdatum. De Groep past hedge accounting toe in overeenstemming met IAS 39 om de volatiliteit in de winst-en-verliesrekening te beperken. Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico wordt een onderscheid gemaakt tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van nettoinvesteringen in buitenlandse entiteiten.
Reëlewaardeafdekkingen zijn afdekkingen van het risico van veranderingen in de reële waarde van opgenomen activa en verplichtingen. De derivaten die aangemerkt werden als reëlewaardeafdekkingen worden gewaardeerd tegen reële waarde, en de waardering van hun afgedekte posities (activa of verplichtingen) wordt aangepast voor wijzigingen in reële waarde ten gevolge van het afgedekte risico. De overeenkomstige veranderingen in reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening. Wanneer een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting stopgezet en wordt de aanpassing aan de boekwaarde van het afgedekte rentedragende financieel instrument gradueel opgenomen in de winst-en-verliesrekening tot op de vervaldag van de afgedekte positie.
Kasstroomafdekkingen zijn afdekkingen van de variabiliteit van toekomstige kasstromen die verband houden met opgenomen activa of verplichtingen, zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transacties, of het valutarisico op niet-opgenomen vaststaande toezeggingen. Veranderingen in de reële waarde van een afdekkingsinstrument dat voldoet als zeer effectieve kasstroomafdekking worden in het eigen vermogen opgenomen, meer bepaald in de afdekkingsreserve. Het nieteffectieve deel ervan wordt onmiddellijk in de winst-enverliesrekening opgenomen. Ingeval de afgedekte kasstroom resulteert in de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting, worden de voorheen in het eigen vermogen opgenomen gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt uit het eigen vermogen en opgenomen in de initiële waardering van de kostprijs of de boekwaarde van het actief of de verplichting. Bij alle andere kasstroomafdekkingen worden de gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt van de afdekkingsreserve naar de winst-en-verliesrekening op het ogenblik dat de afgedekte vaststaande toezegging of de voorziene transactie resulteert in het opnemen van een winst of een verlies. Zodra een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting prospectief stopgezet. In dit geval blijven de gecumuleerde winsten en verliezen op het afdekkingsinstrument opgespaard in het eigen vermogen tot de toegezegde of voorziene transactie zich voordoet. Wanneer verwacht wordt dat een voorziene transactie zich niet meer zal voordoen, worden de gecumuleerde winsten en verliezen overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening.
Indien een netto-investering in een buitenlandse entiteit wordt afgedekt, worden alle winsten en verliezen met betrekking tot het effectieve deel van het afdekkingsinstrument, samen met de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van de afgedekte investering, onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen. Winsten en verliezen op het niet-effectieve deel worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De gecumuleerde winsten en verliezen als gevolg van de herwaardering van het afdekkingsinstrument die voorheen werden opgenomen in het eigen vermogen en de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van het afgedekte instrument worden enkel opgenomen in de winst-en-verliesrekening bij afstoting van de investering.
Om te voldoen aan de vereisten in IAS 39 met het oog op de toepassing van hedge accounting, documenteert de Groep – bij het aangaan van de afdekking – de strategie en het doel van de afdekking, de relatie tussen het financieel instrument dat wordt gebruikt als afdekking en de afgedekte positie, en de verwachte (prospectieve) effectiviteit. De effectiviteit van bestaande afdekkingen wordt elk kwartaal opnieuw beoordeeld. Voor niet-effectieve afdekkingen wordt de hedge accounting onmiddellijk stopgezet.
De Groep maakt ook gebruik van derivaten die niet voldoen aan de voorwaarden voor hedge accounting in IAS 39, maar als effectieve economische afdekkingen fungeren volgens het risicobeheer van de Groep. Wijzigingen in de reële waarde van dergelijke derivaten worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening.
Derivaten besloten in een basiscontract dat geen derivaat is, worden behandeld als afzonderlijke derivaten indien zij voldoen aan de definitie van een derivaat, hun risico's en karakteristieken niet nauw verbonden zijn met het basiscontract en het basiscontract niet gewaardeerd is tegen reële waarde via het resultaat.
Goodwill, immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, worden minstens jaarlijks getoetst op bijzondere waardevermindering. Andere materiële en immateriële vaste activa worden getoetst op bijzondere waardevermindering zodra bepaalde gebeurtenissen of gewijzigde omstandigheden erop wijzen dat hun boekwaarde misschien niet meer kan gerealiseerd worden. Een bijzondere waardevermindering wordt opgenomen in de winst-en-verliesrekening wanneer en in de mate dat de boekwaarde van een actief hoger is dan zijn realiseerbare waarde (zijnde het hoogste van de reële waarde min verkoopkosten en de bedrijfswaarde). De reële waarde min verkoopkosten is de te verwachten opbrengst uit een nietgedwongen verkoop van een actief tussen goed geïnformeerde, onafhankelijke partijen, verminderd met de verkoopkosten. De bedrijfswaarde is de contante waarde van de verwachte kasstromen uit het gebruik van een actief. Realiseerbare waarden worden geraamd voor individuele activa, of – indien dit niet mogelijk is – voor de kleinste kasstroomgenererende eenheid waartoe de activa behoren. Bijzondere waardeverminderingen opgenomen in vroegere boekjaren worden teruggenomen via de winst-en-verliesrekening wanneer er een aanwijzing is dat de vroeger opgenomen bijzondere waardeverminderingen weggevallen of gedaald zijn. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill worden echter nooit teruggenomen.
Opbrengsten worden opgenomen als het waarschijnlijk is dat de economische voordelen met betrekking tot een transactie naar de entiteit zullen vloeien en als het bedrag van de opbrengsten op een betrouwbare manier bepaald kan worden. Omzet wordt opgenomen na aftrek van omzetbelastingen en kortingen. Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden opgenomen als de levering en ook de volledige overdracht van risico's en voordelen plaatsgevonden heeft. Opbrengsten uit hoofde van onderhanden projecten in opdracht van derden worden opgenomen in verhouding tot het stadium van afwerking als ze op een betrouwbare manier bepaald kunnen worden. Wanneer het resultaat van een onderhanden project in opdracht van derden niet op een betrouwbare manier geschat kan worden, worden enkel opbrengsten opgenomen ten belope van de kosten die waarschijnlijk gerecupereerd zullen worden. In de periode dat het vast komt te staan dat er een verlies zal ontstaan uit de afwerking van het contract, wordt het volledige bedrag van het geraamde finale verlies ten laste van de winst-en-verliesrekening genomen. Er worden geen opbrengsten opgenomen in verband met ruiltransacties indien het gaat om een uitwisseling van gelijkaardige goederen of diensten. Rente wordt opgenomen op een tijdsbasis die het effectieve rendement op het actief weerspiegelt. Royalty's worden opgenomen op basis van het toerekeningsprincipe volgens de bepalingen van de overeenkomst. Dividenden worden opgenomen op het ogenblik dat het recht van de aandeelhouder op ontvangst vastgelegd is.
Bekaert is van mening dat de afzonderlijke presentatie van non-GAAP maatstaven, zoals onderliggende prestaties, essentieel is voor de lezers van de jaarrekening die vergelijkbare cijfers wensen te analyseren. Bedrijfsopbrengsten en -kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, de initiële verwerking van bedrijfscombinaties, afstoting van activiteiten, milieuvoorzieningen of andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben, worden niet meegerekend in de 'Onderliggende EBIT(DA)' maatstaven. Herstructureringsprogramma's omvatten voornamelijk ontslagvergoedingen, winsten en verliezen op verkoop en bijzondere waardeverminderingen van activa die betrokken zijn in een sluiting, belangrijke reorganisatie of delocatie van operaties. Indien niet verbonden met herstructureringsprogramma's, worden bijzondere waardeverminderingen enkel bestempeld als eenmalige kosten als zij het gevolg zijn van toetsen op kasstroomgenererende eenheden of van transfers binnen de Groep. Als eenmalige opbrengsten en kosten met betrekking tot bedrijfscombinaties gelden: uitgaven in verband met de overname, negatieve goodwill, winsten en verliezen bij gefaseerde overname, en overboekingen van gecumuleerde omrekeningsverschillen op het belang dat voorheen aangehouden werd. Eenmalige opbrengsten en kosten met betrekking tot afgestoten activiteiten zijn winsten en verliezen op de afstoting van activiteiten die niet als beëindigde bedrijfsactiviteiten in aanmerking komen. Deze afgestoten activiteiten kunnen bestaan uit volledige, of onderdelen (groepen activa die worden afgestoten) van dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Naast milieuprovisies bestaan de overige gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben voornamelijk uit rampen, verkopen van vastgoed en belangrijke rechtszaken.
Het overzicht van het volledig perioderesultaat presenteert een overzicht van alle opbrengsten en kosten die opgenomen werden hetzij in de winst-en-verliesrekening hetzij in het eigen vermogen. Volgens IAS 1 'Presentatie van de jaarrekening' kan een entiteit kiezen voor ofwel één enkel overzicht van het volledig perioderesultaat ofwel twee overzichten, namelijk een winst-en-verliesrekening onmiddellijk gevolgd door een overzicht van het volledig perioderesultaat. De Groep heeft voor de tweede mogelijkheid geopteerd. Als gevolg van de presentatie van een overzicht van het volledig perioderesultaat beperkt de inhoud van het mutatieoverzicht van het eigen vermogen zich tot wijzigingen die verband houden met het aandeelhouderschap.
Een vast actief, of een groep activa die wordt afgestoten, wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer de boekwaarde hoofdzakelijk gerealiseerd zal worden via een verkooptransactie eerder dan door het te blijven gebruiken. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop heel waarschijnlijk geacht wordt en als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) klaar is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat. Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van een entiteit die ofwel afgestoten is ofwel geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt en zowel operationeel als voor de financiële verslaggeving onderscheiden kan worden van de rest van de entiteit.
Er kan pas sprake zijn van een zeer waarschijnlijke verkoop als de entiteit zich verbonden heeft tot een plan voor de verkoop van het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) en als een operationeel plan opgestart is om een koper te vinden en het plan tot een goed einde te brengen. Bovendien moet de verkoop van het actief (of van de groep activa die wordt afgestoten) actief gepromoot worden tegen een redelijke prijs in verhouding tot zijn huidige reële waarde en dient de verkoopovereenkomst naar verwachting afgesloten te worden binnen het jaar na de classificatiedatum. Activa die geclassificeerd zijn als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen reële waarde na aftrek van verkoopkosten als deze lager is dan de boekwaarde. Een eventueel overschot van de boekwaarde tegenover de reële waarde na aftrek van verkoopkosten wordt afgeboekt als een bijzondere waardevermindering. Zodra activa geclassificeerd worden als aangehouden voor verkoop worden ze niet langer afgeschreven. Vergelijkende balansinformatie voor voorgaande perioden wordt niet herwerkt om de nieuwe classificatie in de balans te weerspiegelen.
Voorwaardelijke activa worden niet opgenomen in de balans, maar worden opgenomen in de toelichtingen wanneer een instroom van economische voordelen waarschijnlijk is. Behalve als zij uit een bedrijfscombinatie ontstaan zijn, worden voorwaardelijke verplichtingen niet opgenomen in de balans maar vermeld in de toelichtingen, tenzij de kans op een verlies gering is.
Gebeurtenissen na balansdatum die bijkomende informatie verschaffen omtrent de situatie van de Onderneming op balansdatum (adjusting events) worden verwerkt in de jaarrekening. Andere gebeurtenissen na balansdatum (nonadjusting events) worden enkel vermeld in de toelichtingen als ze belangrijk geacht worden.
Bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep is het management genoodzaakt om beoordelingen, schattingen en veronderstellingen over de boekwaarde van activa en verplichtingen te maken die niet onmiddellijk beschikbaar zijn uit enigerlei bronnen. Deze beoordelingen, schattingen en veronderstellingen worden voortdurend opnieuw geëvalueerd.
Hierna volgen de cruciale beoordelingen, met uitzondering van deze die bestaan uit schattingen (zie toelichting 3.2. 'Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden') die een belangrijke invloed hebben op de gerapporteerde bedragen in deze geconsolideerde jaarrekening.
verder af. Ondanks de politieke en monetaire instabiliteit is het management er in geslaagd om de onderneming operationeel te houden en oordeelde het bijgevolg dat het nog steeds de zeggenschap heeft. Per jaareinde 2017 bedroegen de gecumuleerde omrekeningsverschillen € -57,3 miljoen die, bij verlies van de zeggenschap, zouden overgeboekt worden naar de winst-en-verliesrekening.
belastingcontroles onzeker is, is het management ervan overtuigd dat Bekaert, op basis van een globale evaluatie van potentiële belastingverplichtingen, voldoende belastingverplichtingen opgenomen heeft in haar geconsolideerde jaarrekening. Per eind 2017 werden voor € 65,4 miljoen (2016: € 79,1 miljoen) aan onzekere belastingposities opgenomen.
Hierna volgt een overzicht van de belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en de belangrijkste andere bronnen van schattingsonzekerheden op het einde van de verslagperiode die een risico inhouden op beduidende aanpassingen aan de boekwaarden van activa en verplichtingen in de komende verslagperiode.
hersteld vertrouwen in het Russische marktpotentieel. Het management besloot dan ook om de sinds 2014 aangelegde bijzondere waardevermindering van € 215 miljoen roebel (€ 3,3 miljoen) op de activa van haar Russische activiteiten terug te nemen.
Met uitzondering van BBRG, zoals hieronder wordt beschreven, gebruikt de Groep een geografische segmentatie, aangezien dit de beste manier is om de aard en de financiële prestaties van de business in zijn totaliteit te evalueren. De segmentatie reflecteert het belang van de regio's voor de globale groeistrategie van de Groep. De regionale activiteiten van de Groep worden typisch gekenmerkt door gemeenschappelijke cost drivers, een productassortiment dat gericht is op de behoeften van de regionale industrie en specifieke distributiekanalen. Zij onderscheiden zich van elkaar op het vlak van politieke, economische en valutarisico's, in termen van geografische markttrends en groeipatronen. Deze segmentatie wint nog aan relevantie doordat de Groep de overgrote meerderheid van zijn producten verkoopt binnen de regio waar zij geproduceerd worden.
Naast de vier regionale segmenten, wordt de Bridon-Bekaert Ropes Group ('BBRG') aangemerkt als een afzonderlijk te rapporteren segment in overeenstemming met IFRS 8 'Operationele segmenten', omdat zijn financiële informatie geregeld besproken wordt door het belangrijkste beslissingsorgaan van de Groep teneinde middelen toe te wijzen en prestaties te evalueren.
De volgende vijf segmenten worden gepresenteerd:
In 2016 droeg de Bridon business slechts een half jaar bij tot de bedrijfsresultaten omdat de fusie werd afgerond op 28 juni 2016.
Enkel de elementen van het kapitaalgebruik (immateriële activa, goodwill, materiële vaste activa en de elementen van het operationeel werkkapitaal) worden toegewezen aan de verscheidene segmenten. Alle andere activa en verplichtingen worden gerapporteerd als 'niet-toegewezen activa en verplichtingen'. 'Groep & Business support' omvat voornamelijk de functionele eenheid groepstechnologie en niet-doorgerekende kosten voor groepsmanagement en -diensten; het is geen rapporteerbaar segment op zich. De geografische segmentatie is gebaseerd op de lokalisatie van de Bekaertentiteiten en niet op de lokalisatie van hun klanten. Omdat Bekaert als strategie heeft om zo dicht mogelijk bij de klanten te gaan produceren, worden de meeste klanten bediend door Bekaertentiteiten in hun eigen regio. Eventuele verkopen tussen segmenten gebeuren tegen prijzen die beantwoorden aan het arm's length principe. Intersegmenteliminaties omvatten voornamelijk eliminaties van vorderingen en schulden, eliminaties van marges op overdrachten van vaste activa en goederen en de bijhorende aanpassingen aan afschrijvingen en waardeverminderingen.
| 2017 | Noord | Latijns | Pacifisch | Groep & Business |
Intersegment | Geconsoli | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | EMEA | Amerika | Amerika | Azië | support | BBRG | eliminaties | deerd |
| Netto-omzet | 1 273 462 | 551 808 | 673 204 | 1 144 775 | - | 454 998 | - | 4 098 247 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 143 929 | 33 350 | 80 285 | 103 819 | 2 734 | 12 267 | -58 322 | 318 062 |
| EBIT - Onderliggend | 141 133 | 33 350 | 54 876 | 106 535 | -44 929 | 15 122 | -4 992 | 301 095 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen |
61 611 | 13 349 | 19 555 | 89 226 | 4 301 | 25 898 | -18 988 | 194 952 |
| Bijzondere waardeverminderingen | -3 262 | - | - | -157 | -6 | 13 | - | -3 412 |
| EBITDA | 202 278 | 46 699 | 99 840 | 192 888 | 7 029 | 38 178 | -77 310 | 509 602 |
| Activa van het segment | 1 017 565 | 298 607 | 452 674 | 1 209 301 | 199 136 | 573 859 | -285 165 | 3 465 977 |
| Niet-toegewezen activa | 978 754 | |||||||
| Totaal activa | 4 444 731 | |||||||
| Verplichtingen van het segment | 299 465 | 88 246 | 120 297 | 197 280 | 122 075 | 108 410 | -133 521 | 802 252 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | 2 059 443 | |||||||
| Totaal verplichtingen | 2 861 695 | |||||||
| Kapitaalgebruik | 718 100 | 210 361 | 332 377 | 1 012 021 | 77 061 | 465 449 | -151 644 | 2 663 725 |
| Gewogen gemiddeld kapitaalgebruik | 679 811 | 223 826 | 371 418 | 973 935 | 68 934 | 491 089 | -113 958 | 2 695 055 |
| ROCE 1 | 21,2% | 14,9% | 21,6% | 10,7% | - | 2,5% | - | 11,8% |
| Investeringsuitgaven materiële vaste activa |
114 836 | 12 967 | 22 271 | 122 366 | 17 322 | 14 837 | -31 933 | 272 666 |
| Investeringsuitgaven immateriële activa |
2 018 | 70 | 171 | 52 053 | 1 271 | 791 | -52 521 | 3 853 |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen |
- | - | 26 857 | - | - | - | - | 26 857 |
| Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen |
- | - | 165 424 | - | - | - | - | 165 424 |
| Aantal personeelsleden (einde jaar) 2 | 6 699 | 1 349 | 3 218 | 9 851 | 1 928 | 2 587 | - | 25 631 |
| 2016 | Noord | Latijns | Pacifisch | Groep & Business |
Intersegment | Geconsoli | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | EMEA | Amerika | Amerika | Azië | support | BBRG | eliminaties | deerd |
| Netto-omzet | 1 148 308 | 512 331 | 681 834 | 1 052 364 | - | 320 380 | - | 3 715 217 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 135 527 | 26 043 | 66 599 | 100 431 | -63 438 | -8 699 | 3 191 | 259 654 |
| EBIT - Onderliggend | 140 660 | 26 009 | 66 851 | 119 204 | -64 209 | 13 247 | 3 190 | 304 952 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen |
57 863 | 12 903 | 21 839 | 101 598 | 3 142 | 21 103 | -14 531 | 203 917 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 390 | 20 | -236 | 17 247 | -40 | 481 | - | 17 862 |
| EBITDA | 193 780 | 38 966 | 88 202 | 219 276 | -60 336 | 12 885 | -11 340 | 481 433 |
| Activa van het segment | 881 478 | 299 775 | 464 210 | 1 114 595 | 175 997 | 613 364 | -198 624 | 3 350 795 |
| Niet-toegewezen activa | 953 518 | |||||||
| Totaal activa | 4 304 313 | |||||||
| Verplichtingen van het segment | 239 944 | 62 482 | 117 657 | 179 051 | 115 450 | 91 507 | -105 240 | 700 851 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | 2 005 569 | |||||||
| Totaal verplichtingen | 2 706 420 | |||||||
| Kapitaalgebruik | 641 534 | 237 293 | 346 553 | 935 544 | 60 547 | 521 857 | -93 384 | 2 649 944 |
| Gewogen gemiddeld kapitaalgebruik | 637 681 | 222 428 | 402 515 | 976 001 | 57 042 | 384 935 | -94 896 | 2 585 706 |
| ROCE 1 | 21,3% | 11,7% | 16,5% | 10,3% | - | -2,3% | - | 10,0% |
| Investeringsuitgaven materiële vaste activa |
51 745 | 20 848 | 14 349 | 58 814 | 10 028 | 13 944 | -11 199 | 158 529 |
| Investeringsuitgaven immateriële activa |
1 779 | - | 1 315 | 850 | 2 053 | 48 | -90 | 5 955 |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen |
- | - | 25 445 | - | - | - | - | 25 445 |
| Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen |
- | - | 146 582 | - | - | - | - | 146 582 |
| Aantal personeelsleden (einde jaar) 2 | 6 552 | 1 293 | 3 827 | 9 494 | 1 800 | 2 494 | - | 25 460 |
1 ROCE: Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gewogen gemiddeld kapitaalgebruik (Return on Capital Employed).
2 Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten.
| in duizend € | 2016 | 2017 | Verschil (%) |
|---|---|---|---|
| Netto-omzet | |||
| Rubberversterkingsproducten | 1 582 363 | 1 738 387 | 9,9% |
| Andere staaldraadproducten | 1 649 297 | 1 713 129 | 3,9% |
| Roestvaste producten | 154 881 | 178 338 | 15,1% |
| Kabels en advanced cords (BBRG) | 320 380 | 454 998 | 42,0% |
| Overige | 8 296 | 13 395 | 61,5% |
| Totaal | 3 715 217 | 4 098 247 | 10,3% |
Rubberversterkingsproducten omvatten staalkoord voor banden, hieldraad en slangendraad. Andere staaldraadproducten omvatten industriële en gespecialiseerde staaldraden (met inbegrip van roestvrije draden), bouwproducten en zaagdraad. Roestvaste producten omvatten vezels en verbrandingstechnologie-producten voor verwarmings- en droogsystemen.
BBRG-producten worden afzonderlijk gepresenteerd. De andere productgroepen worden verkocht in alle regionale segmenten. De productmix is zeer vergelijkbaar in EMEA en Noord-Amerika, terwijl in Azië rubberversterkingsproducten overheersend zijn. In Latijns-Amerika maken andere staaldraadproducten het grootste deel uit van de business.
De tabel hieronder toont het relatief gewicht van België (land waar de Onderneming is gevestigd), Chili, China, de Verenigde Staten en Slovakije in termen van omzet en vaste activa (immateriële activa, goodwill, materiële vaste activa en deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen).
| % van | % van | |||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | totaal | 2017 | totaal |
| Netto-omzet vanuit België | 324 179 | 9% | 352 658 | 9% |
| Netto-omzet vanuit Chili | 318 082 | 9% | 341 810 | 8% |
| Netto-omzet vanuit China | 774 198 | 21% | 836 980 | 20% |
| Netto-omzet vanuit de VS | 551 703 | 15% | 627 218 | 15% |
| Netto-omzet vanuit Slovakije | 297 834 | 8% | 343 278 | 8% |
| Netto-omzet vanuit andere landen | 1 449 221 | 38% | 1 596 303 | 40% |
| Totaal netto-omzet | 3 715 217 | 100% | 4 098 247 | 100% |
| Vaste activa gelokaliseerd in België | 123 312 | 6% | 135 422 | 7% |
| Vaste activa gelokaliseerd in Chili | 103 216 | 5% | 99 684 | 5% |
| Vaste activa gelokaliseerd in China | 466 890 | 24% | 418 551 | 22% |
| Vaste activa gelokaliseerd in de VS | 163 200 | 8% | 140 693 | 7% |
| Vaste activa gelokaliseerd in Slovakije | 142 917 | 7% | 154 405 | 8% |
| Vaste activa gelokaliseerd in andere landen | 954 483 | 50% | 992 809 | 51% |
| Totaal vaste activa | 1 954 018 | 100% | 1 941 564 | 100% |
| in duizend € | 2016 | 2017 | verschil |
|---|---|---|---|
| Omzet | 3 715 217 | 4 098 247 | 383 030 |
| Kostprijs van verkopen | -3 058 093 | -3 396 431 | -338 338 |
| Marge op omzet | 657 124 | 701 816 | 44 692 |
| Commerciële kosten | -175 769 | -180 100 | -4 331 |
| Administratieve kosten | -151 727 | -164 411 | -12 684 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -63 322 | -62 670 | 652 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 14 657 | 48 863 | 34 206 |
| Andere bedrijfskosten | -21 309 | -25 436 | -4 127 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 259 654 | 318 062 | 58 408 |
| EBIT - Onderliggend | 304 952 | 301 095 | -3 857 |
| in duizend € | 2016 | 2017 | verschil (%) |
|---|---|---|---|
| Omzet | 3 715 217 | 4 098 247 | 10,3% |
| Kostprijs van verkopen | -3 058 093 | -3 396 431 | 11,1% |
| Marge op omzet | 657 124 | 701 816 | 6,8% |
| Marge op omzet in % van omzet | 17,7% | 17,1% |
Bekaert realiseerde een omzetgroei van 10,3% in vergelijking met vorig jaar. De organische volumegroei van 3,4% en het gezamenlijke effect van verrekende walsdraadprijsstijgingen en prijs-mix voegde 5,5% toe aan de omzet. Het netto-effect van fusies, acquisities en desinvesteringen verklaarde 2,2% van de omzetgroei. Ongunstige wisselkoersbewegingen (-0,9%) (hoofdzakelijk gerelateerd aan Chinese renminbi en US dollar) zwakten deze evolutie af.
De marge op omzet nam toe met 6,8% tegenover 2016 en bereikte een niveau van 17,1%, in vergelijking met 17,7% in 2016. De kostprijs van verkopen bevat het wegvallen van de verplichtingen in een bezwaarlijk leveringscontract, waarvoor een provisie was opgezet die deel uitmaakt van het toewijzingsproces van de aankoopprijs op het tijdstip van de acquisitie (€ 10,4 miljoen) (zie toelichting 6.16. 'Provisies'). Het netto-effect van fusies, acquisities en desinvesteringen bedroeg 1,9% en daarnaast was er een kleine impact van negatieve wisselkoersbewegingen (-0,2%).
| Overheadkosten | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 | verschil (%) |
| Commerciële kosten | -175 769 | -180 100 | 2,5% |
| Administratieve kosten | -151 727 | -164 411 | 8,4% |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -63 322 | -62 670 | -1,0% |
| Totaal | -390 818 | -407 181 | 4,2% |
De toename van de commerciële kosten (€ 4,3 miljoen) weerspiegelt in grote mate de impact van acquisities/desinvesteringen (€ 9,2 miljoen), een significante afname van de reserve voor dubieuze vorderingen (€ -5,6 miljoen), hogere kosten gerelateerd aan hogere organische omzet (€ 2,0 miljoen) en een gunstige impact van wisselkoersbewegingen (€ -1,3 miljoen). De administratieve kosten namen toe (€ 12,7 miljoen). De impact van acquisities/desinvesteringen (€ 8,6 miljoen) en consultancykosten gerelateerd aan de transformatieprogramma's (€ 7,5 miljoen) werd enigszins afgezwakt door de gunstige impact van wisselkoersbewegingen (€ -0,8 miljoen). De kosten voor onderzoek en ontwikkeling zijn gestabiliseerd op € 63 miljoen. In termen van marge op omzet zijn de overheadkosten lichtjes gedaald tot 9,9%.
| in duizend € | 2016 | 2017 | verschil |
|---|---|---|---|
| Ontvangen royalty's | 8 996 | 7 871 | -1 125 |
| Winsten op verkoop van materiële en immateriële vaste activa | 565 | 684 | 119 |
| Gerealiseerde wisselresultaten op verkopen en aankopen | -1 258 | -1 241 | 17 |
| Overheidssubsidies | 915 | 2 333 | 1 418 |
| Herstructurering - overige opbrengsten | 319 | 416 | 97 |
| Terugnemingen afschrijvingen voorraden/handelsvorderingen | 934 | - | -934 |
| Winsten op afgestoten activiteiten (verkochte belangen) | - | 18 149 | 18 149 |
| Winsten op afgestoten activiteiten (weerhouden belangen) | - | 14 552 | 14 552 |
| Overige opbrengsten | 4 186 | 6 100 | 1 914 |
| Totaal | 14 657 | 48 863 | 34 207 |
| in duizend € | 2016 | 2017 | verschil |
|---|---|---|---|
| Betaalde royalty's | 53 | - | -53 |
| Verliezen op verkoop van materiële en immateriële vaste activa | -1 490 | -2 083 | -593 |
| Afschrijvingen op immateriële vaste activa | -2 849 | - | 2 849 |
| Bankkosten | -2 933 | -2 809 | 124 |
| Aan belastingen gerelateerde kosten (andere dan winstbelastingen) | -2 360 | -3 166 | -806 |
| Herstructurering - overige kosten | -722 | -3 436 | -2 714 |
| Verliezen op afgestoten activiteiten (gecumuleerde | |||
| omrekeningsverschillen) | - | -6 895 | -6 895 |
| Overige kosten | -11 008 | -7 047 | 3 961 |
| Totaal | -21 309 | -25 436 | -4 127 |
Overheidssubsidies hebben voornamelijk betrekking op subsidies in China. Er zijn geen aanwijzingen dat er niet zal kunnen voldaan worden aan de voorwaarden voor deze subsidies en dus ook niet dat de subsidies mogelijk teruggestort moeten worden in de toekomst.
De winsten en verliezen op afgestoten activiteiten zijn alle gerelateerd aan de verkoop van het meerderheidsbelang in de rubberversterkingsfabriek in Sumaré (Brazilië) (zie toelichting 7.2. 'Effect van afgestoten activiteiten'); de overboeking van de gecumuleerde omrekeningsverschillen werd afzonderlijk gerapporteerd als een verlies van € -6,9 miljoen.
| in duizend € | 2016 | 2017 | verschil |
|---|---|---|---|
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 259 654 | 318 062 | 58 408 |
| Terugnemingen bijzondere waardeverminderingen (herstructurering en | |||
| andere) | -2 146 | -8 216 | -6 070 |
| Herstructurering - overige opbrengsten | -870 | -532 | 338 |
| Terugnemingen afschrijvingen voorraden/handelsvorderingen | -4 182 | -1 331 | 2 851 |
| Winsten op afgestoten activiteiten (verkochte belangen) | - | -18 149 | -18 149 |
| Winsten op afgestoten activiteiten (weerhouden belangen) | - | -14 552 | -14 552 |
| Overige opbrengsten | -4 697 | -4 061 | 636 |
| Bijzondere waardeverminderingen (herstructurering en andere) | 17 886 | 4 814 | -13 072 |
| Herstructurering - overige kosten | 27 487 | 11 693 | -15 794 |
| Verliezen op afgestoten activiteiten (gecumuleerde | |||
| omrekeningsverschillen) | - | 6 895 | 6 895 |
| Kosten in verband met overnames | 8 639 | 509 | -8 130 |
| Overige kosten | 3 181 | 5 963 | 2 782 |
| EBIT - Onderliggend | 304 952 | 301 095 | 120 673 |
Om te beantwoorden aan de ESMA-richtlijnen omtrent het gebruik van non-GAAP terminologie, worden vanaf 2016 de non-GAAP termen recurrent en niet-recurrent niet langer gebruikt en wordt het recurrente bedrijfsresultaat (REBIT) niet langer prominenter voorgesteld in de winst-en-verliesrekening dan het 'Bedrijfsresultaat (EBIT)'. De elementen die een eenmalig effect hebben (voorheen afzonderlijk gerapporteerd onder 'eenmalige opbrengsten en kosten') werden initieel geherklassificeerd onder de overige bedrijfskosten en -opbrengsten. Vanaf dit jaar worden de elementen met een eenmalig effect toegewezen aan de betrokken functionele items (kostprijs van verkopen, administratieve kosten, commerciële kosten, kosten voor onderzoek en ontwikkeling, ...) in de winst-en-verliesrekening en de vergelijkende cijfers voor 2016 werden in die zin herwerkt. Naar EBIT vóór eenmalige elementen wordt verwezen als 'EBIT-Onderliggend'.
| EBIT gerapporteerd en onderliggend in duizend € |
2016 zoals gepubliceerd |
2016 gerap porteerd |
2016 eenmalige elementen |
2016 onder liggend |
2017 gerap porteerd |
2017 eenmalige elementen |
2017 onder liggend |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 3 715 217 | 3 715 217 | 3 715 217 | 4 098 247 | 4 098 247 | ||
| Kostprijs van verkopen | -3 025 225 | -3 058 093 | 32 868 | -3 025 225 | -3 396 431 | 2 453 | -3 393 978 |
| Marge op omzet | 689 992 | 657 124 | 32 868 | 689 992 | 701 816 | 2 453 | 704 269 |
| Commerciële kosten | -175 340 | -175 769 | 429 | -175 340 | -180 100 | 700 | -179 400 |
| Administratieve kosten | -139 558 | -151 727 | 12 169 | -139 558 | -164 411 | 2 506 | -161 905 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -63 590 | -63 322 | -268 | -63 590 | -62 670 | 30 | -62 640 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 24 376 | 14 657 | -2 176 | 12 481 | 48 863 | -34 585 | 14 278 |
| Andere bedrijfskosten | -76 226 | -21 309 | 2 276 | -19 033 | -25 436 | 11 929 | -13 507 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 259 654 | 259 654 | 45 298 | 304 952 | 318 062 | -16 967 | 301 095 |
| EBIT - Onderliggend | 304 952 |
De onderstaande tabel levert bijkomende informatie over de toewijzing van de voornaamste componenten van het bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van de opbrengsten en kosten.
| in duizend € | 2016 | 2017 | ||
|---|---|---|---|---|
| Omzet | 3 715 217 | 100% | 4 098 247 | 100% |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 22 230 | - | 48 863 | - |
| Totaal bedrijfsopbrengsten | 3 737 447 | - | 4 147 110 | - |
| Zelfgeproduceerde materiële vaste activa | 53 859 | 1,4% | 99 713 | 2,4% |
| Grondstoffen | -1 182 873 | -31,8% | -1 497 872 | -36,5% |
| Halfproducten en handelsgoederen | -282 910 | -7,6% | -309 173 | -7,5% |
| Voorraadwijziging goederen in bewerking en gereed product | 5 657 | 0,2% | 58 254 | 1,4% |
| Personeelskosten | -772 547 | -20,8% | -819 628 | -20,0% |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -203 917 | -5,5% | -194 952 | -4,8% |
| Bijzondere waardeverminderingen | -17 862 | -0,5% | 3 411 | 0,1% |
| Vervoer- en verhandelingskosten gereed product | -159 342 | -4,3% | -184 078 | -4,5% |
| Hulpstoffen en wisselstukken | -266 388 | -7,2% | -297 126 | -7,3% |
| Kosten voor nutsvoorzieningen | -255 285 | -6,9% | -253 511 | -6,2% |
| Onderhouds- en herstellingskosten | -60 975 | -1,6% | -66 496 | -1,6% |
| Uitgaven voor operationele leasing | -26 955 | -0,7% | -29 793 | -0,7% |
| Commissies in commerciële kosten | -6 170 | -0,2% | -6 309 | -0,2% |
| Douane en accijnzen | -30 271 | -0,8% | -32 793 | -0,8% |
| ICT-kosten | -32 728 | -0,9% | -40 353 | -1,0% |
| Reclame- en promotiekosten | -7 191 | -0,2% | -11 107 | -0,3% |
| Reis-, restaurant- en hotelkosten | -28 150 | -0,8% | -33 501 | -0,8% |
| Consultancy en overige honoraria | -41 799 | -1,1% | -40 446 | -1,0% |
| Kantoorbenodigdheden en -uitrusting | -13 071 | -0,4% | -10 700 | -0,3% |
| Durfkapitaalfondsen O&O | -2 180 | -0,1% | -1 504 | 0,0% |
| Tijdelijke of externe personeelskosten | -27 031 | -0,7% | -35 178 | -0,9% |
| Verzekeringskosten | -6 989 | -0,2% | -7 290 | -0,2% |
| Diverse bedrijfskosten | -112 675 | -3,0% | -118 616 | -2,9% |
| Totaal bedrijfskosten | -3 477 793 | -93,6% | -3 829 048 | -93,4% |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 259 654 | 7,0% | 318 062 | 7,8% |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Renteopbrengsten van financiële activa niet geclassificeerd als tegen RWVR | 6 325 | 3 117 |
| Renteopbrengsten | 6 325 | 3 117 |
| Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als tegen RWVR | -64 581 | -75 050 |
| Overige schuldgerelateerde rentelasten | -7 673 | -8 102 |
| Schuldgerelateerde rentelasten | -72 254 | -83 152 |
| Rentegedeelte van rentedragende voorzieningen | -7 239 | -6 699 |
| Rentelasten | -79 493 | -89 852 |
| Totaal | -73 168 | -86 735 |
De hogere financiële schulden als gevolg van de fusie van de Bridon-Bekaert Ropes Group sinds de tweede helft van 2016 (Bridon-Bekaert Ropes Group) en de gemiddeld hogere rentevoeten verklaren de hogere rentelasten. Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat (RWVR) hebben betrekking op alle schuldinstrumenten van de Groep, met uitzondering van afdekkingsinstrumenten en renterisicobeperkende derivaten aangemerkt als economische afdekkingen.
In het rentegedeelte van rentedragende voorzieningen, heeft € 4,4 miljoen (2016: € 5,6 miljoen) betrekking op de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen') en heeft € 2,3 miljoen (2016: € 1,6 miljoen) betrekking op overige voorzieningen (zie toelichting 6.16 'Overige voorzieningen').
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Waardeaanpassingen van derivaten | -30 916 | 17 527 |
| Wisselresultaten op afgedekte posities | -14 556 | -14 180 |
| Nettoimpact van derivaten en afgedekte posities | -45 472 | 3 347 |
| Overige wisselresultaten | -8 088 | -7 435 |
| Bijzondere waardeverminderingen op financiële activa beschikbaar voor verkoop | -591 | - |
| Effecten van inflatieboekhouden | 5 818 | -16 |
| Winsten en verliezen uit de afwikkeling van financiële schulden | -2 467 | - |
| Dividenden van niet-geconsolideerde deelnemingen | 374 | 1 062 |
| Bankkosten en heffingen op financiële transacties | -2 540 | -2 873 |
| Bijzondere waardeverminderingen op leningen en overige vorderingen | 12 | -67 |
| Terugnemingen van bijzondere waardeverminderingen op leningen en overige | ||
| vorderingen | 16 326 | - |
| Overige | -831 | -426 |
| Totaal | -37 458 | -6 408 |
Waardeaanpassingen omvatten de wijzigingen in reële waarde van alle derivaten die niet als kasstroomafdekkingen worden aangemerkt. Wisselresultaten op afgedekte posities hebben ook alleen betrekking op economische afdekkingen. De hier getoonde nettoimpact van derivaten en afgedekte posities omvat geen effecten die opgenomen werden in andere rubrieken van de winst-en-verliesrekening zoals rentelasten, kostprijs van verkopen of andere bedrijfsopbrengsten en -kosten. Voor meer details betreffende de nettoimpact van derivaten en afgedekte posities, zie toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
Waardeaanpassingen van derivaten bevatten een reëlewaardewinst van € 17,6 miljoen in 2017 (2016: verlies van 37,4 miljoen) op de conversieoptie vervat in de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2016 (zie de sectie 'Financiële instrumenten volgens de hiërarchie van reëlewaardebepalingen' in toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'). In 2016 werd bij de afwikkeling van de financiële schuld een verlies van € 2,5 miljoen geboekt op de terugkoop van de obligaties die niet ingeruild werden voor nieuwe obligaties.
Effecten van inflatieboekhouden hebben betrekking op de Venezolaanse activiteiten. Gedurende 2016 werd een voorziening voor een groepsgarantie voor € 16,3 miljoen teruggenomen gerelateerd aan Vicson SA (Venezuela). Daarnaast werden wisselkoersverliezen geboekt voor € -1,5 miljoen (2016: € -9,8 miljoen) op intragroepsvorderingen op Vicson SA. Deze werden opgenomen onder overige wisselresultaten.
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Verschuldigde belastingen over het lopend jaar | -91 970 | -70 903 |
| Verschuldigde belastingen over de voorbije jaren | -1 034 | 1 617 |
| Uitgestelde belastingen - wegens wijzigingen in tijdelijke verschillen | 25 493 | -21 885 |
| Uitgestelde belastingen - wegens wijzigingen in belastingvoeten | -395 | -16 229 |
| Uitgestelde belastingen - aanpassingen inzake overgedragen verliezen van voorbije jaren | -12 281 | -6 526 |
| Uitgestelde belastingen - aanwending van voorheen niet-opgenomen uitgestelde | ||
| belastingvorderingen | 18 135 | 44 650 |
| Totale belastinglast | -62 052 | -69 276 |
In onderstaande tabel wordt de winst vóór belastingen getoond als resultaat vóór belastingen.
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Resultaat vóór belastingen | 149 028 | 224 919 |
| Belastinglast op resultaten van fiscale entiteiten tegen de theoretische lokale | ||
| belastingvoet van de betrokken landen | -37 302 | -65 178 |
| Belastinglast op de uitkering van overgedragen winsten | -5 240 | -4 811 |
| Totale theoretische belastinglast | -42 542 | -69 989 |
| Theoretische belastingvoet 1 | -28,5% | -31,1% |
| Belastingimpact van: | ||
| Fiscaal niet-aftrekbare uitgaven | -14 722 | -13 697 |
| Andere belastingvoeten en speciale belastingregimes 2 | 7 837 | 5 824 |
| Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen 3 | -11 913 | -16 038 |
| Aanwending van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen 4 | 18 135 | 44 650 |
| Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in belastingvoeten 5 | -395 | -16 229 |
| Belastingen met betrekking tot voorgaande jaren | -13 315 | -4 909 |
| Fiscaal vrijgestelde inkomsten 6 | 68 | 6 423 |
| Overige 7 | -5 205 | -5 311 |
| Totale belastinglast | -62 052 | -69 276 |
| Werkelijke belastingvoet | -41,6% | -30,8% |
1 De theoretische belastingvoet wordt berekend als een gewogen gemiddelde. De stijging in 2017 tegenover 2016 is voornamelijk het gevolg van hogere belastbare winsten in landen met hogere belastingvoeten.
2 In 2017 hebben de speciale belastingregimes vooral betrekking op belastingstimulansen in België en Nederland, terwijl in 2016 eveneens Slovakije en Peru bijdroegen naast België en Nederland.
3 In 2017 hebben niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen voornamelijk betrekking op overgedragen verliezen in Brazilië, Chili, China, Colombia, Costa Rica, Duitsland, Maleisië en het Verenigd Koninkrijk, terwijl in 2016 dit vooral betrekking heeft op bijzondere
waardeverminderingen van activa in China, verliezen in de Verenigde Staten en een herstructureringsprovisie in Noorwegen. 4 In 2017 heeft de stijging vooral betrekking op een eenmalige transactie.
5 Toepasbaar in België (€ -12,6 miljoen) en de VS (€ -3,1 miljoen). In België vermindert de belastingvoet geleidelijk van 33,99% naar 25% en in de VS van 40% naar 24,25%.
6 Houdt in 2017 hoofdzakelijk verband met de verkoop van het meerderheidsbelang in de rubberversterkingsfabriek in Sumaré (Brazilië).
7 Omvat zowel in 2017 als in 2016 vooral ingehouden roerende voorheffing op royalties, intresten, diensten en dividenden.
De bedrijfsresultaten in Brazilië werden ongunstig beïnvloed door het onzekere politieke en economische klimaat, de verminderde vraag in de bouwsector, een zwakkere US dollar en competitieve prijsdruk. Bijkomende financiële informatie met betrekking tot de Braziliaanse joint ventures wordt verstrekt onder toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen'.
| in duizend € | 2016 | 2017 | |
|---|---|---|---|
| Joint ventures | |||
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 20 574 | 19 712 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda 1 | Brazilië | 4 871 | 5 424 |
| ArcelorMittal Bekaert Sumaré Ltda 2 | Brazilië | - | 1 721 |
| Totaal | 25 445 | 26 857 |
1 Inclusief de bijdrage voor november-december van ArcelorMittal Bekaert Sumaré Ltda , als gevolg van de fusie op 1 november 2017.
2 Heeft betrekking op de periode juli-oktober, als gevolg van de gedeeltelijke verkoop aan ArcelorMittal op 21 juni 2017 en de latere fusie met
| 2017 | Aantal |
|---|---|
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) | 56 741 126 |
| Verwateringseffect van uitgegeven warrants en opties | 560 669 |
| Verwateringseffect van de converteerbare obligatieleningen | 9 125 704 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) | 66 427 499 |
| Na |
| in duizend € | Basis berekening |
verwaterings effect |
|---|---|---|
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep en aan de gewone aandeelhouders | 184 720 | 184 720 |
| Effect van de converteerbare obligatieleningen 1 | - | -7 249 |
| Winst | 184 720 | 177 471 |
| Winst per aandeel (in €) | 3,255 | 2,672 |
| 1 Niet te vermelden als het effect van de converteerbare obligatie antidilutief is, d.i. als het effect zodanig is dat het de EPS-ratio zou verbeteren 2016 |
Aantal |
|---|---|
| (zie verder). Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) |
56 263 172 |
| Verwateringseffect van uitgegeven warrants en opties | 623 410 |
| Verwateringseffect van de converteerbare obligatieleningen | - |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) | 56 886 582 |
| Na | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | Basis berekening |
verwaterings effect |
|
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep en aan de gewone aandeelhouders | 105 166 | 105 166 | |
| Effect van de converteerbare obligatieleningen 1 | - | - | |
| Winst | 105 166 | 105 166 | |
| Winst per aandeel (in €) | 1,869 | 1,849 |
1 Niet te vermelden als het effect van de converteerbare obligatie antidilutief is, d.i. als het effect zodanig is dat het de winst per aandeel ratio zou verbeteren (zie verder).
De winst per aandeel (earnings per share, 'EPS') is het bedrag van de winst na belastingen toewijsbaar aan elk aandeel. De basisberekening van de winst per aandeel komt overeen met het resultaat van de periode toerekenbaar aan de Groep gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen gedurende het jaar. De winst per aandeel na verwateringseffect weerspiegelt de verbintenissen van de Groep tot het uitgeven van aandelen in de toekomst. Daartoe behoren warrants, opties en de converteerbare obligatieleningen. Warrants en opties zijn slechts dilutief in de mate dat hun uitoefenprijs lager is dan de gemiddelde slotkoers van de periode. Het verwateringseffect van warrants en opties beperkt zich tot het gewogen gemiddeld aantal aandelen op te nemen in de noemer van de EPS-ratio; er is geen effect op de winst op te nemen in de teller van de EPS-ratio. De converteerbare obligatielening heeft meestal een effect op zowel de noemer als de teller van de EPS-ratio. Het verwateringseffect van de converteerbare obligatielening op de winst (op te nemen in de teller van de EPS-ratio) bestaat uit het terugdraaien van alle opbrengsten en kosten die direct verband houden met de converteerbare obligatielening en die de 'basis'-winst voor de periode beïnvloed hebben. Volgende elementen van de winst-en-verliesrekening werden beïnvloed door de converteerbare obligatielening:
De converteerbare obligatieleningen waren antidilutief in 2016 omdat de EPS-ratio na verwatering erdoor zou verbeteren. Om de impact te berekenen, wordt verondersteld dat alle dilutieve warrants en opties worden uitgeoefend en dat ook de conversieoptie van de converteerbare obligatielening wordt uitgeoefend in zijn totaliteit bij het begin van de periode, of, als de instrumenten uitgegeven werden gedurende de periode, op uitgiftedatum. Bekaert heeft de keuze om het notioneel bedrag van de obligaties terug te betalen in aandelen of in cash, maar elke koersstijging van het aandeel boven de conversieprijs moet geconverteerd worden in aandelen. Bekaert heeft een call-optie wanneer de aandelenkoers de conversieprijs met 30% overstijgt, waardoor het aantal te converteren aandelen gelimiteerd is tot 1 711 069. Het management is niet van plan om het notioneel bedrag af te wikkelen in aandelen en heeft voldoende aandelen laten inkopen om de call-optie af te dekken. Dit belet niet dat, conform IAS 33 'Winst per aandeel', het aantal toe te voegen in de noemer gelijkstaat met de 7 414 634 potentiële aandelen die overeenkomen met het notioneel bedrag van de obligatielening gedeeld door de conversieprijs, plus de 1 711 069 potentiële aandelen als gevolg van een bijkomende koersstijging van 30%. Dit resulteert in een totaal verwateringseffect van € -0,58 per aandeel, waarvan € -0,55 verband houdt met de converteerbare obligaties en € -0,03 met de warrants en opties.
De gemiddelde slotkoers tijdens 2017 was € 42,05 per aandeel (2016: € 37,07 per aandeel). De volgende opties hebben een uitoefenprijs die hoger lag dan de gewogen gemiddelde slotkoers en waren dus antidilutief tijdens de verslagperiode:
| Datum van | Uitoefenprijs | |||
|---|---|---|---|---|
| Niet-dilutieve instrumenten | toekenning | (in €) | Aantal toegekend | Aantal uitstaand |
| SOP 2010-2014 - opties | 14.02.2011 | 77,000 | 360 925 | 295 725 |
Voor meer informatie i.v.m. warrants en opties, zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen'.
| Licenties, | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| patenten en | Gebruiks | |||||
| Aanschaffingswaarde | soortgelijke | Computer | recht | Commer | ||
| in duizend € | rechten | software | terreinen | ciële activa | Overige | Totaal |
| Per 1 januari 2016 | 23 744 | 78 360 | 87 762 | 8 588 | 17 755 | 216 208 |
| Aanschaffingen | - | 5 629 | 325 | - | - | 5 954 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -130 | -439 | - | - | - | -569 |
| Overdrachten 1 | - | -28 | - | - | 29 | 1 |
| Herclassificering als (-) / uit | ||||||
| aangehouden voor verkoop | - | -894 | -10 218 | - | - | -11 112 |
| Eerste consolidatie | - | 955 | - | 50 714 | - | 51 669 |
| Omrekeningswinsten en | ||||||
| -verliezen (-) | 21 | 532 | -2 250 | -1 446 | -1 493 | -4 636 |
| Per 31 december 2016 | 23 635 | 84 115 | 75 619 | 57 856 | 16 291 | 257 515 |
| Per 1 januari 2017 | 23 635 | 84 115 | 75 619 | 57 856 | 16 291 | 257 515 |
| Aanschaffingen | 75 | 3 761 | 17 | - | - | 3 853 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -4 | -599 | - | - | - | -603 |
| Overdrachten 1 | 38 | 266 | - | - | - | 304 |
| Herclassificering als (-) / uit | ||||||
| aangehouden voor verkoop | - | 1 005 | - | - | - | 1 005 |
| Uit consolidatie genomen | - | -925 | - | - | - | -925 |
| Omrekeningswinsten en | ||||||
| -verliezen (-) | -42 | -2 507 | -5 057 | -3 832 | -612 | -12 051 |
| Per 31 december 2017 | 23 702 | 85 115 | 70 579 | 54 024 | 15 679 | 249 098 |
| 9 582 | 63 670 | 14 624 | 5 524 | 13 361 | 106 760 |
|---|---|---|---|---|---|
| 1 585 | 4 698 | 1 665 | 4 090 | 1 137 | 13 175 |
| - | 484 | 73 | - | - | 557 |
| - | 5 | - | - | - | 5 |
| -130 | -414 | - | - | - | -544 |
| 68 | - | - | -68 | - | - |
| - | -1 | -1 589 | - | - | -1 590 |
| 10 | 435 | -375 | 208 | -1 503 | -1 225 |
| 11 115 | 68 877 | 14 398 | 9 753 | 12 996 | 117 138 |
| 11 115 | 68 877 | 14 398 | 9 753 | 12 996 | 117 138 |
| 1 454 | 4 300 | 1 393 | 3 636 | 1 072 | 11 854 |
| - | - | 33 | - | - | 33 |
| -4 | -347 | - | - | - | -351 |
| - | -60 | - | - | - | -60 |
| - | 1 | -34 | - | - | -33 |
| -104 | -2 046 | -1 011 | -977 | -562 | -4 700 |
| 12 461 | 70 725 | 14 778 | 12 412 | 13 505 | 123 881 |
| 12 520 | 15 238 | 61 221 | 48 103 | 3 295 | 140 377 |
| 11 241 | 14 390 | 55 800 | 41 611 | 2 174 | 125 217 |
1 Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van immateriële activa en materiële vaste activa (zie toelichting 6.3.) worden opgeteld. De aanschaffingen van software zijn voornamelijk gerelateerd aan het Satellietproject (verkoop en logistiek), het MES-project (Manufacturing Excellence System) en ERP-software (SAP).
Uit consolidatie genomen en de herclassificering uit aangehouden voor verkoop in 2017 zijn hoofdzakelijk gerelateerd aan de verkoop van het meerderheidsbelang in de rubberversterkingsfabriek Sumaré (Brazilië). Additionele informatie betreffende de herclassificering uit aangehouden voor verkoop wordt geboden onder toelichting 6.11. 'Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa'. Voor verdere informatie inzake het bedrag op uit consolidatie genomen verwijzen we naar toelichting 7.2. 'Effect van afgestoten activiteiten'. Op balansdatum waren er geen immateriële vaste activa met een onbepaalde gebruiksduur.
Deze toelichting behelst hoofdzakelijk goodwill op verwerving van dochterondernemingen. Goodwill met betrekking tot joint ventures en geassocieerde ondernemingen zit ook vervat in toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen'.
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 53 977 | 170 923 |
| Toenames | 116 245 | - |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) | 701 | -2 792 |
| Per 31 december | 170 923 | 168 131 |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 18 278 | 18 578 |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | 300 | -342 |
| Per 31 december | 18 578 | 18 236 |
| Nettoboekwaarde per 31 december | 152 345 | 149 895 |
De toename in goodwill in 2016 heeft betrekking op de BBRG-bedrijfscombinatie.
De goodwill verworven ten gevolge van een bedrijfscombinatie wordt toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden waarvan verwacht wordt dat zij voordeel zullen halen uit deze bedrijfscombinatie. De nettoboekwaarde van de goodwill en de eraan verbonden bewegingen zijn als volgt toegewezen:
| Segment in duizend € |
Groep van kasstroomgenererende eenheden |
Nettoboek waarde per 1 jan 2016 |
Toename | Bijzondere waardever mindering |
Omrekenings verschillen |
Nettoboek waarde per 31 dec 2016 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Dochterondernemingen | ||||||
| EMEA | Bekaert Bradford UK Ltd | 3 050 | - | - | -435 | 2 615 |
| EMEA | Verbrandingstechnologie - | |||||
| verwarming EMEA | 3 027 | - | - | - | 3 027 | |
| EMEA | Bouwproducten | 71 | - | - | - | 71 |
| EMEA | Rubberversterkingsproducten | 4 255 | - | - | - | 4 255 |
| Noord-Amerika | Productie-eenheid Orrville | |||||
| (USA) | 10 774 | - | - | 354 | 11 128 | |
| Latijns-Amerika | Inchalam-groep | 820 | - | - | 79 | 899 |
| Latijns-Amerika | Bekaert Ideal SL | |||||
| vennootschappen | 844 | - | - | - | 844 | |
| Pacifisch Azië | Bekaert (Qingdao) Wire | |||||
| Products Co Ltd | 385 | - | - | - | 385 | |
| Pacifisch Azië | Bekaert Jiangyin Wire | |||||
| Products Co Ltd | 47 | - | - | - | 47 | |
| BBRG | BBRG | 12 426 | 116 245 | - | 403 | 129 074 |
| Subtotaal | 35 699 | 116 245 | - | 401 | 152 345 | |
| Joint ventures en geassocieerde | ||||||
| ondernemingen | ||||||
| Latijns-Amerika | Belgo Bekaert Arames Ltda | 3 486 | - | - | 895 | 4 381 |
| Subtotaal | 3 486 | - | - | 895 | 4 381 | |
| Totaal | 39 185 | 116 245 | - | 1 296 | 156 726 |
| Segment in duizend € |
Groep van kasstroomgenererende eenheden |
Nettoboek waarde per 1 jan 2017 |
Toename | Bijzondere waardever mindering |
Omrekenings verschillen |
Nettoboek waarde per 31 dec 2017 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Dochterondernemingen | ||||||
| EMEA | Bekaert Bradford UK Ltd | 2 615 | - | - | -92 | 2 523 |
| EMEA | Verbrandingstechnologie - verwarming EMEA |
3 027 | - | - | - | 3 027 |
| EMEA | Bouwproducten | 71 | - | - | - | 71 |
| EMEA | Rubberversterkingsproducten | 4 255 | - | - | - | 4 255 |
| Noord-Amerika | Productie-eenheid Orrville (USA) |
11 128 | - | - | -1 347 | 9 781 |
| Latijns-Amerika | Inchalam-groep | 899 | - | - | -38 | 861 |
| Latijns-Amerika | Bekaert Ideal SL | |||||
| vennootschappen | 844 | - | - | - | 844 | |
| Pacifisch Azië | Bekaert (Qingdao) Wire | |||||
| Products Co Ltd | 385 | - | - | - | 385 | |
| Pacifisch Azië | Bekaert Jiangyin Wire | |||||
| Products Co Ltd | 47 | - | - | - | 47 | |
| BBRG | BBRG | 129 074 | - | - | -973 | 128 101 |
| Subtotaal | 152 345 | - | - | -2 450 | 149 895 | |
| Joint ventures en geassocieerde | ||||||
| ondernemingen | ||||||
| Latijns-Amerika | Belgo Bekaert Arames Ltda | 4 381 | - | - | -598 | 3 783 |
| Latijns-Amerika | BMB-Belgo Mineira Bekaert | |||||
| Artefatos de Arame Ltda | - | 2 679 | - | -366 | 2 313 | |
| Subtotaal | 4 381 | 2 679 | - | -964 | 6 096 | |
| Totaal | 156 726 | 2 679 | - | -3 414 | 155 991 |
In het model voor het toetsen op bijzondere waardevermindering van de goodwill voortvloeiend uit de BBRG-bedrijfscombinatie werden volgende karakteristieken verwerkt:
De disconteringsvoet is gebaseerd op de (langetermijn-)kapitaalkosten vóór belastingen en de risico's zitten ingebed in de kasstromen. Er wordt een gewogen gemiddelde kapitaalkost (weighted average cost of capital = WACC) bepaald voor de regio's waarin de euro, de US dollar en de Chinese renminbi de dominante valuta's zijn. Voor landen of activiteiten met een hoger ingeschat risico wordt de WACC opgetrokken met een risicopremie die specifiek is voor dit land of deze activiteit. In het geval van BBRG werd een verhoging van 1% op de risicopremie voor het eigen vermogen toepasselijk geacht in het licht van de specifieke businesscontext in vergelijking met de algemene businesscontext van de Groep. De WACC wordt bepaald vóór belastingen omdat de relevante kasstromen ook vóór belastingen bepaald worden. De weging van kapitaalkosten voor schulden en eigen vermogen is gebaseerd op een streefcijfer van 50% gearing (nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen). Voor kasstroommodellen die in reële termen uitgedrukt zijn (zonder inflatie), wordt de nominale WACC aangepast voor de verwachte inflatievoet. Voor kasstroommodellen die in nominale termen uitgedrukt zijn wordt de nominale WACC gebruikt. Alle parameters die de berekening van de disconteringsvoeten beïnvloeden, worden minstens jaarlijks herzien.
| waardevermindering | EUR-regio | USD-regio | CNY-regio | |
|---|---|---|---|---|
| Streefcijfers voor de Groep | ||||
| Gearing: nettoschuld / eigen vermogen | 50% | |||
| % schulden | 33% | |||
| % eigen vermogen | 67% | |||
| % langetermijnschulden | 75% | |||
| % kortetermijnschulden | 25% | |||
| Schuldkost voor Bekaert | 2,1% | 3,6% | 5,7% | |
| Langetermijnrentevoet | 2,5% | 4,2% | 5,9% | |
| Kortetermijnrentevoet | 1,0% | 1,9% | 5,3% | |
| Eigenvermogenkost voor Bekaert (na | ||||
| + β . Em = Rf belastingen) |
8,9% | 10,7% | 13,2% | |
| Risicovrije rentevoet = Rf | 0,6% | 2,4% | 4,9% | |
| Beta = β | 1,2 | |||
| Marktrisicopremie voor eigen vermogen = Em | 6,9% | |||
| BBRG-specifieke risicopremie | 1,0% | |||
| Eigenvermogenkost voor BBRG (na belastingen) | 11,7% | |||
| Belastingvoet | 27% | |||
| Eigenvermogenkost vóór belastingen voor Bekaert | 12,2% | 14,6% | 18,0% | |
| Eigenvermogenkost vóór belastingen voor BBRG | 16,0% | |||
| Bekaert WACC - nominaal | 8,8% | 10,9% | 13,9% | |
| BBRG WACC - nominaal | 11,9% | |||
| Verwachte inflatie | 1,6% | 1,9% | 2,4% | |
| Bekaert WACC in reële termen | 7,3% | 9,0% | 11,5% | |
| BBRG WACC in reële termen | 10,0% |
Op basis van de gegevens die op vandaag gekend zijn, zouden redelijkerwijs mogelijke veranderingen in de voornaamste veronderstellingen (waaronder de disconteringsvoet, de omzet- en marge-evolutie) geen aanleiding geven tot bijzondere waardeverminderingen voor kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill werd toegewezen.
Op vandaag wordt de bufferruimte voor bijzondere waardeverminderingen op de goodwill van BBRG, d.i. het overschot van de realiseerbare waarde tegenover de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid van BBRG, geschat op € 123,6 miljoen (2016: € 335 miljoen). De bufferruimte is afgenomen omdat de business zich trager herstelt dan initieel gepland. Sensitiviteitsanalyses uitgevoerd op redelijkerwijs mogelijke wijzigingen in de sleutelassumpties hebben aangetoond dat de bufferruimte voor bijzondere waardevermindering volledig zou opgebruikt zijn indien volgende drie gebeurtenissen zich gelijktijdig zouden voordoen (in vergelijking met de managementprognose):
» een 10% lagere omzet;
| Instal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Terreinen | laties, machines |
Meubilair | Overige materiële |
||||
| Aanschaffingswaarde | en | en | en rollend | Financiële | vaste | Activa in | |
| in duizend € | gebouwen | uitrusting | materieel | leasing | activa | aanbouw | Totaal |
| Per 1 januari 2016 | 1 125 834 | 2 614 529 | 97 160 | 11 701 | 7 209 | 85 354 | 3 941 788 |
| Aanschaffingen | 18 176 | 80 984 | 8 728 | 47 | 1 994 | 50 226 | 160 155 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -853 | -31 706 | -3 806 | -35 | -56 | - | -36 456 |
| Eerste consolidatie | 22 652 | 69 286 | 483 | 33 | - | 1 788 | 94 242 |
| Overdrachten1 | - | - | - | - | - | -1 | -1 |
| Herclassificering als (-) / uit | |||||||
| aangehouden voor verkoop | -44 775 | -11 032 | -412 | - | - | -969 | -57 188 |
| Omrekeningswinsten en | |||||||
| -verliezen (-) | 8 405 | -13 398 | -198 | 737 | -98 | 3 376 | -1 176 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 1 996 | 2 388 | 255 | - | - | 55 | 4 694 |
| Overige inflatie-effecten | - | - | - | - | - | -6 | -6 |
| Per 31 december 2016 | 1 131 435 | 2 711 051 | 102 210 | 12 483 | 9 049 | 139 823 | 4 106 052 |
| Per 1 januari 2017 | 1 131 435 | 2 711 051 | 102 210 | 12 483 | 9 049 | 139 823 | 4 106 052 |
| Aanschaffingen | 48 224 | 155 300 | 11 303 | 254 | 2 326 | 55 002 | 272 410 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -3 918 | -32 140 | -6 875 | -92 | -10 | -8 | -43 043 |
| Uit consolidatie genomen | -26 174 | -11 990 | -421 | - | - | -690 | -39 275 |
| Overdrachten1 | - | 990 | - | -990 | - | -304 | -304 |
| Herclassificering als (-) / uit | |||||||
| aangehouden voor verkoop | 30 173 | 12 410 | 463 | - | - | 1 089 | 44 135 |
| Omrekeningswinsten en | |||||||
| -verliezen (-) | -68 186 | -155 871 | -5 202 | -732 | -196 | -10 574 | -240 761 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 1 676 | 2 047 | 213 | - | - | - | 3 936 |
| Overige inflatie-effecten | - | - | - | - | - | 9 | 9 |
| Per 31 december 2017 | 1 113 229 | 2 681 797 | 101 692 | 10 922 | 11 170 | 184 349 | 4 103 159 |
| Per 1 januari 2016 | 492 640 | 1 862 060 | 80 713 | 2 003 | 3 645 | - | 2 441 061 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Afschrijvingen van het boekjaar | 43 120 | 141 781 | 7 129 | 451 | 450 | - | 192 931 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 11 906 | 7 412 | 133 | - | - | - | 19 451 |
| Terugname van bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen en | |||||||
| afschrijvingen | 5 | -2 067 | 59 | -27 | - | - | -2 030 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -448 | -30 107 | -3 659 | -35 | -10 | - | -34 259 |
| Herclassificering als (-) / uit | |||||||
| aangehouden voor verkoop | -20 808 | -3 331 | -169 | - | - | - | -24 308 |
| Omrekeningswinsten (-) en | |||||||
| -verliezen | -187 | -13 381 | -503 | -37 | -84 | - | -14 192 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 626 | 1 452 | 221 | - | - | - | 2 299 |
| Per 31 december 2016 | 526 854 | 1 963 819 | 83 924 | 2 355 | 4 001 | - | 2 580 953 |
| Per 1 januari 2017 | 526 854 | 1 963 819 | 83 924 | 2 355 | 4 001 | - | 2 580 953 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 41 847 | 142 431 | 7 623 | 441 | 505 | - | 192 846 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 171 | 4 595 | 6 | - | - | - | 4 772 |
| Terugname van bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen en | |||||||
| afschrijvingen | -4 395 | -3 817 | 92 | -132 | - | - | -8 252 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -3 528 | -29 801 | -6 526 | -72 | -10 | - | -39 936 |
| Overdrachten1 | - | 846 | - | -846 | - | - | - |
| Uit consolidatie genomen | -2 251 | -4 018 | -224 | - | - | - | -6 494 |
| Herclassificering als (-) / uit | |||||||
| aangehouden voor verkoop | 3 251 | 3 747 | 190 | - | - | - | 7 188 |
| Omrekeningswinsten (-) en | |||||||
| -verliezen | -28 754 | -106 117 | -4 200 | -125 | -165 | - | -139 360 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 588 | 1 370 | 198 | - | - | - | 2 156 |
| Per 31 december 2017 | 533 783 | 1 973 056 | 81 082 | 1 620 | 4 332 | - | 2 593 874 |
1 Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van immateriële activa (zie toelichting 6.1.) en materiële vaste activa worden opgeteld.
| Instal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| laties, | Overige | ||||||
| Terreinen | machines | Meubilair | materiële | ||||
| en | en | en rollend | Financiële | vaste | Activa in | ||
| in duizend € | gebouwen | uitrusting | materieel | leasing | activa | aanbouw | Totaal |
| Nettoboekwaarde per | |||||||
| 31 december 2016 vóór | |||||||
| investeringssubsidies en | |||||||
| herclassificering van leasing | 604 581 | 747 232 | 18 286 | 10 128 | 5 048 | 139 823 | 1 525 099 |
| Netto-investeringssubsidies | -7 050 | -2 201 | - | - | - | -1 134 | -10 385 |
| Financiële leasing per categorie van | |||||||
| activa | 7 822 | 2 185 | 120 | -10 128 | - | - | - |
| Nettoboekwaarde | |||||||
| per 31 december 2016 | 605 353 | 747 216 | 18 406 | - | 5 048 | 138 689 | 1 514 714 |
| Nettoboekwaarde per | |||||||
| 31 december 2017 vóór | |||||||
| investeringssubsidies en | |||||||
| herclassificering van leasing | 579 446 | 708 741 | 20 609 | 9 301 | 6 838 | 184 349 | 1 509 285 |
| Netto-investeringssubsidies | -6 179 | -2 079 | - | - | - | - | -8 257 |
| Financiële leasing per categorie van | |||||||
| activa | 7 260 | 1 841 | 200 | -9 301 | - | - | - |
| Nettoboekwaarde | |||||||
| per 31 december 2017 | 580 528 | 708 504 | 20 809 | - | 6 838 | 184 349 | 1 501 028 |
Het grootste deel van de sterke toename in aanschaffingen is gerelateerd aan de capaciteitsuitbreidingsprogramma's in EMEA en Pacifisch Azië. Het netto-omrekeningsverlies van dit jaar heeft voornamelijk betrekking op activa opgenomen in Chinese renminbi (€ -27,9 miljoen), Chileense peso (€ -4,3 miljoen), Indische roepie (€ -4,5 miljoen), US dollar (€ -45,8 miljoen) en Braziliaanse real (€ -7,6 miljoen).
De methodologie voor het toetsen op bijzondere waardeverminderingen is consistent met deze die uitgelegd wordt in toelichting 6.2. 'Goodwill'. Uit consolidatie genomen en de herclassificering uit aangehouden voor verkoop in 2017 zijn hoofdzakelijk gerelateerd aan de verkoop van het meerderheidsbelang in de rubberversterkingsfabriek Sumaré (Brazilië). Additionele informatie betreffende de herclassificering uit aangehouden voor verkoop wordt geboden onder toelichting 6.11. 'Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa'. Voor verdere informatie inzake het bedrag op uit consolidatie genomen verwijzen wij naar toelichting 7.2. 'Effect van afgestoten activiteiten'. Inflatie-effecten hebben betrekking op de toepassing van inflatieboekhouden in Venezuela.
Er werden geen materiële vaste activa verpand als waarborg voor leningen.
De Groep heeft geen deelnemingen in ondernemingen die worden geclassificeerd als geassocieerde ondernemingen.
| in duizend € 2016 |
2017 |
|---|---|
| Per 1 januari 110 633 |
142 201 |
| Resultaat van het boekjaar 25 445 |
26 857 |
| Dividenden -22 732 |
-30 089 |
| Eerste consolidatie volgens de equity -methode - |
42 390 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen 28 814 |
-22 047 |
| Andere elementen van het resultaat 41 |
16 |
| Per 31 december 142 201 |
159 328 |
Voor een analyse van het resultaat van het boekjaar verwijzen we naar toelichting 5.6. 'Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen'.
Omrekeningswinsten en –verliezen hebben voornamelijk te maken met de aanzienlijke verschuiving in de slotkoers van de Braziliaanse real tegenover de euro (4,0 in 2017 tegenover 3,4 in 2016).
Eerste consolidatie volgens de equity-methode heeft betrekking op ArcelorMittal Sumaré Ltda (Brazilië), voorheen een dochtervennootschap waarin Bekaert op 21 juni 2017 een belang van 55,5% verkocht aan ArcelorMittal (zie toelichting 7.2. 'Effect van afgestoten activiteiten'). Bij de initiële verwerking van de nieuwe joint venture ontstond een goodwill van € 2,7 miljoen. ArcelorMittal Sumaré Ltda werd later opgeslorpt door BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda met ingang van 1 november 2017.
| Aanschaffingswaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Per 1 januari | 3 486 | 4 381 |
| Eerste consolidatie volgens de equity -methode | - | 2 679 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | 895 | -964 |
| Per 31 december | 4 381 | 6 096 |
| Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill per 31 december | 4 381 | 6 096 |
| Totale nettoboekwaarde per 31 december van deelnemingen in joint ventures | 146 582 | 165 424 |
Het aandeel van de Groep in het eigen vermogen van de joint ventures is als volgt samengesteld:
| in duizend € | 2016 | 2017 | |
|---|---|---|---|
| Joint ventures | |||
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 125 228 | 105 524 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | 16 973 | 53 804 |
| Totaal joint ventures, exclusief gerelateerde goodwill | 142 201 | 159 328 | |
| Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill | 4 381 | 6 096 | |
| Totaal joint ventures, inclusief gerelateerde goodwill | 146 582 | 165 424 |
Er werden geen belangrijke voorwaardelijke activa met betrekking tot de joint ventures geïdentificeerd op balansdatum. De Braziliaanse joint ventures proberen al een tijd om ICMS-belastingvorderingen te compenseren voor een totale nettoboekwaarde van € 1,2 miljoen (2016: € 4,7 miljoen). Zij worden tevens geconfronteerd met geschillen die betrekking hebben op ICMS-tegemoetkomingen voor een totaal bedrag van € 12,4 miljoen (2016: € 22,1 miljoen); ongeveer € 13,2 miljoen claims werden kwijtgescholden in 2017 mits betaling van € 4,5 miljoen overeenkomstig een nieuw amnestieprogramma. Daarnaast zijn er nog meerdere andere belastinggeschillen hangende, waarvan de meeste al jaren teruggaan, voor een totaal nominaal bedrag van € 20,1 miljoen (2016: € 15,3 miljoen). Het spreekt vanzelf dat eventuele verliezen voortvloeiend uit bovenvermelde voorwaardelijke verplichtingen de Groep slechts zouden affecteren in de mate van hun participatie in de betrokken joint ventures (d.i. 45%). Niet-opgenomen verbintenissen om materiële vaste activa te verwerven beliepen € 16,0 miljoen (2016: € 6,8 miljoen), waarvan € 13,9 miljoen (2016: € 3,3 miljoen) tegenover andere Bekaertvennootschappen. Daarnaast hadden de Braziliaanse joint ventures ook nietopgenomen verbintenissen lopen om de komende vijf jaar elektriciteit aan te kopen voor een totaal bedrag van € 73,1 miljoen (2016: idem) .
In overeenstemming met IFRS 12 'Informatieverschaffing over betrokkenheid in andere entiteiten' wordt de volgende informatie verstrekt voor belangrijke joint ventures. De twee Braziliaanse joint ventures werden samengevoegd om te benadrukken dat de samenwerking met ArcelorMittal doorweegt bij het analyseren van het relatief belang van de joint ventures.
| Naam van de joint venture in duizend € |
|||
|---|---|---|---|
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Land Brazilië |
2016 45,0% (50,0%) |
2017 45,0% (50,0%) |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | 44,5% (50,0%) | 44,5% (50,0%) |
Belgo Bekaert Arames Ltda produceert en verkoopt een grote variëteit van draadproducten die meestal bestemd zijn voor industriële klanten, terwijl BMB hoofdzakelijk draad en kabels ter versterking van rubberbanden produceert en verkoopt.
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Omzet | 661 718 | 783 602 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 74 541 | 77 740 |
| Renteopbrengsten | 4 107 | 5 240 |
| Rentelasten | -3 560 | -3 038 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | -961 | -1 684 |
| Winstbelastingen | -10 449 | -8 863 |
| Perioderesultaat | 63 678 | 69 395 |
| Andere elementen van het resultaat | 89 | 35 |
| Volledig perioderesultaat | 63 767 | 69 430 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 20 280 | 19 117 |
| EBITDA | 94 821 | 96 857 |
| Dividenden ontvangen van de entiteit | 22 732 | 30 089 |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | - | 1 841 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | 11 726 | 10 472 |
| Totaal financiële schulden | 11 726 | 12 313 |
| Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar | -23 521 | -23 585 |
| Leningen op ten hoogste een jaar | -2 | - |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | -14 809 | -20 840 |
| Nettoschuld | -26 606 | -32 112 |
| Braziliaanse joint ventures: aansluiting met nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Nettoactiva van Belgo Bekaert Arames Ltda | 277 404 | 233 477 |
| Deelnemingspercentage van de Groep | 45,0% | 45,0% |
| Proportionele nettoactiva | 124 832 | 105 065 |
| Consolidatie-aanpassingen | 397 | 459 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in Belgo Bekaert Arames Ltda | 125 229 | 105 524 |
| Nettoactiva van BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | 37 544 | 120 121 |
| Deelnemingspercentage van de Groep | 44,5% | 44,5% |
| Proportionele nettoactiva | 16 707 | 53 454 |
| Consolidatie-aanpassingen | 265 | 350 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in BMB-Belgo Mineira Bekaert | ||
| Artefatos de Arame Ltda | 16 972 | 53 804 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in de Braziliaanse joint | ||
| ventures | 142 201 | 159 328 |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Financiële vorderingen op meer dan een jaar en kaswaarborgen | 6 664 | 6 259 |
| Restitutierechten en overige vorderingen op meer dan een jaar | 7 937 | 6 369 |
| Nettovordering uit toegezegdpensioenregelingen op meer dan een jaar | 42 | 12 915 |
| Financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop | 17 499 | 16 400 |
| Totaal overige vaste activa | 32 142 | 41 944 |
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Per 1 januari | 15 626 | 17 499 |
| Aanschaffingen | 41 | 342 |
| Verkopen | -3 | - |
| Veranderingen in reële waarde | 2 349 | -1 389 |
| Bijzondere waardeverminderingen | -591 | - |
| Eerste consolidatie | 3 | - |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | 74 | -52 |
| Per 31 december | 17 499 | 16 400 |
De stijging in nettovordering uit toegezegdpensioenregelingen is voornamelijk gerelateerd aan de pensioenregelingen in het Verenigd Koninkrijk. Voor meer informatie hierover verwijzen we naar toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen'. De financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop hebben in hoofdzaak betrekking op de deelnemingen in:
» Shougang Concord Century Holdings Ltd, een vennootschap die genoteerd is op de beurs van Hong Kong. Op deze deelneming werd een afname in reële waarde (€ -1,4 miljoen) opgenomen in het eigen vermogen tijdens het jaar in overeenstemming met IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering'. In 2016 werd een bijzondere waardevermindering van € 0,6 miljoen opgenomen in het resultaat, en werd een latere toename in reële waarde van € 2,3 miljoen opgenomen via het eigen vermogen.
» Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd.
» Transportes Puelche Ltda, een deelneming aangehouden door Acma SA en Prodalam SA (Chili).
| Nettoboekwaarde | Vorderingen | Verplichtingen | |||
|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 | 2016 | 2017 | |
| Per 1 januari | 132 494 | 150 368 | 53 213 | 52 556 | |
| Toename of afname via resultaat | 18 436 | -12 453 | -12 516 | -12 463 | |
| Toename of afname via OCI | -737 | 1 025 | - | 2 277 | |
| Eerste consolidatie | 9 480 | - | 22 861 | - | |
| Uit consolidatie genomen | - | -2 003 | - | -6 926 | |
| Herclassificering als aangehouden voor | |||||
| verkoop | -449 | 505 | -4 486 | 5 045 | |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | 1 010 | -8 039 | 3 350 | -7 421 | |
| Saldering vorderingen en verplichtingen | -9 866 | 11 314 | -9 866 | 11 314 | |
| Per 31 december | 150 368 | 140 717 | 52 556 | 44 382 |
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen zijn toe te wijzen aan de volgende rubrieken:
| Vorderingen | Verplichtingen | Nettovorderingen | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 | 2016 | 2017 | 2016 | 2017 |
| Immateriële activa | 45 407 | 47 825 | 11 718 | 10 661 | 33 689 | 37 164 |
| Materiële vaste activa | 45 349 | 49 534 | 51 385 | 37 858 | -6 036 | 11 676 |
| Financiële vaste activa | 11 | 84 | 16 484 | 17 386 | -16 473 | -17 302 |
| Voorraden | 10 517 | 10 400 | 4 003 | 1 727 | 6 514 | 8 673 |
| Vorderingen | 10 470 | 8 862 | 264 | 1 339 | 10 206 | 7 523 |
| Andere vlottende activa | 267 | 309 | 3 623 | 3 787 | -3 356 | -3 478 |
| Voorzieningen voor | ||||||
| personeelsbeloningen | 29 582 | 21 570 | 144 | 28 | 29 438 | 21 542 |
| Overige voorzieningen | 7 160 | 2 951 | 677 | 862 | 6 483 | 2 089 |
| Overige verplichtingen | 13 137 | 13 295 | 21 835 | 16 997 | -8 698 | -3 702 |
| Overdraagbare fiscaal | ||||||
| aftrekbare verliezen, | ||||||
| aftrekposten en | ||||||
| terugvorderbare belastingen | 46 045 | 32 150 | - | - | 46 045 | 32 150 |
| Belastingvorderingen / | ||||||
| -verplichtingen | 207 945 | 186 980 | 110 133 | 90 645 | 97 812 | 96 335 |
| Saldering vorderingen en | ||||||
| verplichtingen | -57 577 | -46 263 | -57 577 | -46 263 | - | - |
| Nettobelastingvorderingen / | ||||||
| -verplichtingen | 150 368 | 140 717 | 52 556 | 44 382 | 97 812 | 96 335 |
De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot materiële vaste activa komen voornamelijk voort uit verschillen in gebruiksduur tussen IFRS en de fiscale boeken, terwijl de uitgestelde belastingverplichtingen gerelateerd aan immateriële activa gegenereerd zijn door de eliminatie van intragroepswinsten in de geconsolideerde jaarrekening. De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot financiële vaste activa hebben voornamelijk te maken met tijdelijke verschillen die ontstaan uit niet-uitgekeerde winsten bij dochterondernemingen en joint ventures.
De evolutie van uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen is als volgt te verklaren:
| Opgenomen via winst-en |
Overnames | Omreke | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | Per | verlies | Opgenomen | en | Herclassifi | ningswinsten | Per |
| in duizend € | 1 januari | rekening | via OCI | afstotingen 1 | ceringen 2 | en -verliezen | 31 december |
| Tijdelijke verschillen | |||||||
| Immateriële activa | 705 | 41 579 | - | -9 255 | - | 660 | 33 689 |
| Materiële vaste activa | 848 | 3 319 | - | -10 793 | 4 393 | -3 803 | -6 036 |
| Financiële vaste activa | -24 797 | 9 019 | - | -523 | 87 | -259 | -16 473 |
| Voorraden | 7 746 | 311 | - | -1 347 | - | -196 | 6 514 |
| Vorderingen | 5 527 | 4 756 | - | 41 | - | -118 | 10 206 |
| Andere vlottende | |||||||
| activa | -2 451 | -905 | - | -20 | - | 20 | -3 356 |
| Voorzieningen voor | |||||||
| personeelsbeloningen | 26 870 | 93 | -601 | 2 534 | - | 542 | 29 438 |
| Overige voorzieningen | -38 | 4 735 | - | 1 626 | - | 160 | 6 483 |
| Overige verplichtingen | 5 785 | -14 265 | -136 | 390 | -443 | -29 | -8 698 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen, aftrekposten en |
|||||||
| terugvorderbare belastingen |
59 086 | -17 690 | - | 3 966 | - | 683 | 46 045 |
| Totaal | 79 281 | 30 952 | -737 | -13 381 | 4 037 | -2 340 | 97 812 |
| Opgenomen | Overnames | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2017 | Per | via winst-en verlies |
Opgenomen | en | Herclassifi | Omreke ningswinsten |
Per |
| in duizend € | 1 januari | rekening | via OCI | afstotingen 1 | ceringen 2 | en -verliezen | 31 december |
| Tijdelijke verschillen | |||||||
| Immateriële activa | 33 689 | 3 308 | - | - | - | 167 | 37 164 |
| Materiële vaste activa | -6 036 | 14 794 | - | 4 616 | -4 941 | 3 243 | 11 676 |
| Financiële vaste activa | -16 473 | -1 018 | -2 263 | 2 305 | -98 | 245 | -17 302 |
| Voorraden | 6 514 | 1 637 | - | - | - | 522 | 8 673 |
| Vorderingen | 10 206 | -2 157 | - | - | - | -526 | 7 523 |
| Andere vlottende | |||||||
| activa | -3 356 | -747 | -77 | - | - | 702 | -3 478 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen |
29 438 | -7 454 | 1 087 | - | - | -1 529 | 21 542 |
| Overige voorzieningen | 6 483 | -2 589 | - | -1 353 | - | -452 | 2 089 |
| Overige verplichtingen | -8 698 | 6 203 | 1 | -645 | 499 | -1 062 | -3 702 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen, aftrekposten en terugvorderbare |
|||||||
| belastingen | 46 045 | -11 967 | - | - | - | -1 928 | 32 150 |
| Totaal | 97 812 | 10 | -1 252 | 4 923 | -4 540 | -618 | 96 335 |
1 In 2017 heeft dit betrekking op de verkoop van het meerderheidsbelang in de rubberversterkingsfabriek in Sumaré (Brazilië). In 2016 is het gerelateerd aan de oprichting van de Bridon-Bekaert Ropes Group.
2 Zie toelichting 6.11. 'Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa'.
| 2016 | Voor | Na | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | belastingen | Belastingen | belastingen |
| Omrekeningsverschillen | 36 837 | - | 36 837 |
| Inflatie-aanpassingen | 1 483 | - | 1 483 |
| Kasstroomafdekkingen | 742 | -136 | 606 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | 2 349 | - | 2 349 |
| Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen | -9 978 | -601 | -10 579 |
| Aandeel in de andere elementen van het resultaat van joint ventures en | |||
| geassocieerde ondernemingen | 40 | - | 40 |
| Totaal | 31 473 | -737 | 30 736 |
| 2017 | Voor | Na | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | belastingen | Belastingen | belastingen |
| Omrekeningsverschillen | -130 828 | - | -130 828 |
| Inflatie-aanpassingen | 2 032 | - | 2 032 |
| Kasstroomafdekkingen | -247 | -76 | -323 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | -1 389 | - | -1 389 |
| Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen |
15 089 | -1 176 | 13 913 |
| Aandeel in de andere elementen van het resultaat van joint ventures en | |||
| geassocieerde ondernemingen | 16 | - | 16 |
| Totaal | -115 327 | -1 252 | -116 579 |
Er werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen met betrekking tot volgende aftrekbare elementen (brutowaarden):
| in duizend € | 2016 | 2017 | Verschil |
|---|---|---|---|
| Aftrekbare tijdelijke verschillen | 295 937 | 178 865 | -117 072 |
| Beleggingsverliezen | 23 534 | 24 278 | 744 |
| Operationele verliezen | 714 552 | 664 650 | -49 902 |
| Aftrekposten | 47 551 | 54 838 | 7 287 |
| Totaal | 1 081 574 | 922 631 | -158 943 |
Onderstaande tabel geeft de vervaldata van alle (opgenomen en niet-opgenomen) items weer.
| 2016 in duizend € |
Te vervallen binnen 1 jaar |
tussen 1 en 5 jaar |
na meer dan 5 jaar |
Niet vervallend |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Beleggingsverliezen | - | - | - | 23 534 | 23 534 |
| Operationele verliezen | 45 281 | 100 416 | 50 864 | 692 349 | 888 910 |
| Aftrekposten | - | 56 856 | - | 10 781 | 67 637 |
| Totaal | 45 281 | 157 272 | 50 864 | 726 664 | 980 081 |
| Te vervallen | Te vervallen | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2017 in duizend € |
Te vervallen tussen 1 en 5 binnen 1 jaar jaar |
na meer dan 5 jaar |
Niet vervallend |
Totaal | |
| Beleggingsverliezen | - | - | 11 836 | 13 262 | 25 098 |
| Operationele verliezen | 28 236 | 127 117 | 41 559 | 578 677 | 775 589 |
| Aftrekposten | 58 010 | - | - | 20 904 | 78 914 |
| Totaal | 86 246 | 127 117 | 53 395 | 612 843 | 879 601 |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Grond- en hulpstoffen en wisselstukken | 229 894 | 253 508 |
| Goederen in bewerking en gereed product | 384 359 | 416 993 |
| Handelsgoederen | 110 247 | 109 080 |
| Voorraden | 724 500 | 779 581 |
| Handelsvorderingen | 739 145 | 836 809 |
| Ontvangen bankwissels | 60 182 | 55 633 |
| Betaalde voorschotten | 19 531 | 17 815 |
| Handelsschulden | -556 361 | -665 196 |
| Ontvangen voorschotten | -12 732 | -10 746 |
| Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid | -123 559 | -120 341 |
| Belastingen m.b.t. personeel | -8 198 | -5 970 |
| Operationeel werkkapitaal | 842 508 | 887 586 |
| 2016 in duizend € |
2017 |
|---|---|
| Per 1 januari 812 758 |
842 508 |
| Organische toename of afname -16 336 |
109 544 |
| Afwaarderingen en terugname van afwaarderingen 1 175 |
8 588 |
| Eerste consolidatie 52 003 |
- |
| Uit consolidatie genomen | - -26 472 |
| Impact inflatieboekhouden 2 361 |
1 856 |
| Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop -26 347 |
29 827 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) 16 894 |
-70 417 |
| Overige | - -7 849 |
| Per 31 december 842 508 |
887 586 |
Het gemiddeld operationeel werkkapitaal vertegenwoordigde 21,4% van de omzet (2016: 22,6%). Het bedrag op overige heeft betrekking op een afname van de handelsvorderingen die geen kasbeweging met zich meebracht omdat dit bedrag het voorwerp was van een factoring-overeenkomst met verhaal waardoor het geld reeds geïnd werd in voorgaande periodes.
Bijkomende informatie volgt hieronder:
» Voorraden
De kostprijs van verkopen bevat vervoer- en verhandelingskosten van gereed product voor € 184,1 miljoen (2016: € 159,3 miljoen), die nooit werden gekapitaliseerd in voorraden. De bewegingen in de voorraden in 2017 omvatten afwaarderingen voor € -18,0 miljoen (2016: € -18,6 miljoen) en terugnames van afwaarderingen ten belope van € 21,4 miljoen (2016: € 23,9 miljoen).
Net als in 2016 werden geen voorraden verpand als waarborg voor leningen.
» Handelsvorderingen
De volgende tabel stelt de bewegingen in waardeverminderingen op handelsvorderingen voor:
| 2016 in duizend € |
2017 |
|---|---|
| Per 1 januari -45 076 |
-47 802 |
| Opgenomen verliezen in huidig jaar -8 287 |
-4 749 |
| Opgenomen verliezen in vorige jaren - aangewende bedragen 1 787 |
4 965 |
| Opgenomen verliezen in vorige jaren - terugname van niet-aangewende | |
| bedragen 2 391 |
4 992 |
| Herclassificering als / uit (-) aangehouden voor verkoop 849 |
-954 |
| Omrekeningswinsten en verliezen (-) 534 |
2 669 |
| Per 31 december -47 802 |
-40 880 |
De volgende tabel geeft verdere informatie omtrent waardeverminderingen en vervallen vorderingen:
| Handelsvorderingen en ontvangen bankwissels | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Brutoboekwaarde | 847 129 | 933 322 |
| Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen (afgewaardeerd) | -47 802 | -40 880 |
| Nettoboekwaarde | 799 327 | 892 442 |
| waarvan vervallen maar niet afgewaardeerd | ||
| bedrag | 95 844 | 122 560 |
| gemiddeld aantal dagen uitstaand | 78 | 84 |
Betreffende de handelsvorderingen die niet afgewaardeerd en niet vervallen zijn, zijn er geen aanwijzingen dat de debiteuren hun betalingsverplichtingen niet zullen nakomen. Voor meer informatie over kredietverbeteringstechnieken verwijzen wij naar toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
| Nettoboekwaarde | |
|---|---|
| 2016 in duizend € |
2017 |
| Per 1 januari 99 286 |
108 484 |
| Toename of afname 14 072 |
20 173 |
| Waardeverminderingen en terugnemingen van waardeverminderingen 8 |
-19 |
| Eerste consolidatie 4 261 |
- |
| Uit consolidatie genomen - |
-6 861 |
| Herclassificeringen -11 613 |
13 060 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen 2 470 |
-7 960 |
| Per 31 december 108 484 |
126 876 |
Overige vorderingen hebben voornamelijk betrekking op winstbelastingen (€ 50,1 miljoen (2016: € 40,1 miljoen)), BTW en overige belastingen (€ 61,4 miljoen (2016: € 55,5 miljoen)) en sociale leningen aan personeel (€ 4,3 miljoen (2016: € 2,2 miljoen)).
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 365 546 | 418 779 |
| Geldbeleggingen | 5 342 | 50 406 |
Voor de wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten: zie het geconsolideerd kasstroomoverzicht en toelichting 7.1. 'Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht'. Kasequivalenten en geldbeleggingen omvatten op de balansdatum geen marktgenoteerde schuldinstrumenten of eigenvermogensinstrumenten en worden alle geclassificeerd als leningen en vorderingen.
| Nettoboekwaarde in duizend € |
2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Leningen en financiële vorderingen op ten hoogste een jaar | 13 991 | 8 447 |
| Betaalde voorschotten | 19 531 | 17 815 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 7 037 | 6 159 |
| Overlopende rekeningen (actief) | 11 665 | 11 908 |
| Per 31 december | 52 225 | 44 329 |
De leningen en financiële vorderingen op ten hoogste een jaar hebben voornamelijk betrekking op vorderingen uit de verkoop van het meerderheidsbelang in de rubberversterkingsfabriek Sumaré (Brazilië) (€ 4,6 miljoen), en op diverse kaswaarborgen (€ 2,1 miljoen (2016: € 3,0 miljoen)). In 2016 omvatten de leningen en financiële vorderingen voornamelijk leningen aan partners in China (€ 10,4 miljoen).
| Nettoboekwaarde in duizend € |
2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | - | 112 361 |
| Toenames en afnames (-) | 100 848 | -103 732 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | 11 513 | -535 |
| Per 31 december | 112 361 | 8 093 |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Immateriële activa | 9 939 | 8 093 |
| Materiële vaste activa | 36 674 | - |
| Overige vaste activa | 5 651 | - |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 505 | - |
| Voorraden | 10 140 | - |
| Handelsvorderingen | 27 880 | - |
| Overige vorderingen | 13 326 | - |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 8 241 | - |
| Overige vlottende activa | 5 | - |
| Totaal activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 112 361 | 8 093 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen op meer dan een jaar | 33 | - |
| Overige voorzieningen op meer dan een jaar | 6 444 | - |
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | 551 | - |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 5 045 | - |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | 662 | - |
| Handelsschulden | 7 117 | - |
| Personeelsbeloningen | 1 240 | - |
| Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen | 10 705 | - |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | 1 703 | - |
| Totaal verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als | ||
| aangehouden voor verkoop | 33 500 | - |
De afname in activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa in 2017, alsook de toename in 2016, is vrijwel uitsluitend gerelateerd aan de verkoop van het meerderheidsbelang in de rubberversterkingsfabriek Sumaré (Brazilië). Het overige bedrag en de overige bewegingen hebben zowel in 2016 als in 2017 betrekking op gebruiksrechten op terreinen van Bekaert (Huizhou) Steel Cord Co Ltd.
| 2016 | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Geplaatst kapitaal | Nominale | Aantal | 2017 Nominale |
Aantal | |
| in duizend € | waarde | aandelen | waarde | aandelen | |
| 1 | Per 1 januari | 176 957 | 60 125 525 | 177 612 | 60 347 525 |
| Bewegingen van het jaar | |||||
| Uitgifte van nieuwe aandelen | 655 | 222 000 | 78 | 26 316 | |
| Per 31 december | 177 612 | 60 347 525 | 177 690 | 60 373 841 | |
| 2 | Structuur | ||||
| 2.1 | Soorten aandelen | ||||
| Gewone aandelen zonder nominale | |||||
| waarde | 177 612 | 60 347 525 | 177 690 | 60 373 841 | |
| 2.2 | Aandelen op naam | 207 619 | 402 538 | ||
| Gedematerialiseerde aandelen | 60 139 906 | 59 971 303 | |||
| Toegestaan niet-geplaatst kapitaal | 176 000 | 176 000 |
In totaal werden 26 316 warrants uitgeoefend in 2017 in het kader van het SOP 2005-2009-aandelenoptieplan, wat geresulteerd heeft in de uitgifte van 26 316 nieuwe aandelen van de Onderneming.
Van de 3 885 446 eigen aandelen die de Onderneming in portefeuille had per 31 december 2016, heeft de Onderneming er 421 885 verkocht in het kader van op aandelen gebaseerde betalingen en het personal shareholding requirement plan. Er werden 172 719 eigen aandelen ingekocht. Er werden geen eigen aandelen vernietigd in 2017. Bijgevolg had de Onderneming een totaal van 3 636 280 eigen aandelen in bezit per 31 december 2017.
In onderstaande tabellen zijn de details van de aandelenoptieplannen weergegeven die hetzij op de balansdatum, hetzij op de vorige balansdatum nog een uitstaand saldo vertoonden:
| Aantal opties | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
| 21.12.2006 | 19.02.2007 | 30,175 | 37 500 | 27 500 | - | 10 000 | 22.05 - 30.06.2010 |
15.11 - 15.12.2021 |
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 28,335 | 12 870 | 12 870 | - | - | 22.05 - 30.06.2011 |
15.11 - 15.12.2017 |
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 28,335 | 30 630 | 11 310 | - | 19 320 | 22.05 - 30.06.2011 |
15.11 - 15.12.2022 |
| 18.12.2008 | 16.02.2009 | 16,660 | 64 500 | 50 500 | - | 14 000 | 22.05 - 30.06.2012 |
15.11 - 15.12.2018 |
| 17.12.2009 | 15.02.2010 | 33,990 | 49 500 | 5 000 | - | 44 500 | 22.05 - 30.06.2013 |
15.11 - 15.12.2019 |
| 195 000 | 107 180 | - | 87 820 |
| Aantal warrants | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Datum van uitgifte van warrants |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 22.12.2005 | 20.02.2006 | 22.03.2006 | 23,795 | 190 698 | 184 283 | 15 | 6 400 | 30.06.2009 | 15.12.2020 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 21.12.2006 | 19.02.2007 | 22.03.2007 | 30,175 | 153 810 | 144 240 | 600 | 8 970 | 30.06.2010 | 15.12.2021 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 22.04.2008 | 28,335 | 14 100 | 4 200 | 9 900 | - | 30.06.2011 | 15.12.2017 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 22.04.2008 | 28,335 | 215 100 | 147 550 | 12 700 | 54 850 | 30.06.2011 | 15.12.2022 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 18.12.2008 | 16.02.2009 | 20.10.2009 | 16,660 | 288 150 | 234 050 | 19 500 | 34 600 | 30.06.2012 | 15.12.2018 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 17.12.2009 | 15.02.2010 | 08.09.2010 | 33,990 | 225 450 | 69 600 | 52 500 | 103 350 | 30.06.2013 | 15.12.2019 |
| 1 087 308 | 783 923 | 95 215 | 208 170 | ||||||
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 28.02 - | Medio nov.- | |||||||
| 16.12.2010 | 14.02.2011 | 77,000 | 360 925 | - | 65 200 | 295 725 | 13.04.2014 | 15.12.2020 |
| 27.02. - | Medio nov. - | |||||||
| 22.12.2011 | 20.02.2012 | 25,140 | 287 800 | 231 100 | 2 600 | 54 100 | 12.04.2015 | 21.12.2021 |
| Eind feb. - | Medio nov. - | |||||||
| 20.12.2012 | 18.02.2013 | 19,200 | 267 200 | 213 642 | 2 700 | 50 858 | 10.04.2016 | 19.12.2022 |
| Eind feb. - | Eind feb. - | |||||||
| 29.03.2013 | 28.05.2013 | 21,450 | 260 000 | 121 000 | - | 139 000 | 09.04.2017 | 28.03.2023 |
| Eind feb. - | Medio nov. - | |||||||
| 19.12.2013 | 17.02.2014 | 25,380 | 373 450 | 179 750 | 2 400 | 191 300 | 09.04.2017 | 18.12.2023 |
| Eind feb. - | Medio nov. - | |||||||
| 18.12.2014 | 16.02.2015 | 26,055 | 349 810 | - | 4 800 | 345 010 | 08.04.2018 | 17.12.2024 |
| 1 899 185 | 745 492 | 77 700 | 1 075 993 |
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eind febr. - | Medio nov. - | |||||||
| 17.12.2015 | 15.02.2016 | 26,375 | 227 250 | - | 4 500 | 222 750 | 07.04.2019 | 16.12.2025 |
| Eind febr. - | Medio nov. - | |||||||
| 15.12.2016 | 13.02.2017 | 39,426 | 273 325 | - | 3 000 | 270 325 | 12.04.2020 | 14.12.2026 |
| 500 575 | - | 7 500 | 493 075 | |||||
| 2016 | 2017 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Aandelenoptieplan SOP2 | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
Aantal opties (in €) Aantal opties |
|||
| Uitstaand op 1 januari | 143 500 | 25,166 | 87 820 | (in €) 29,549 |
|
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -55 680 | 18,254 | - | - | |
| Uitstaand op 31 december | 87 820 | 29,549 | 87 820 | 29,549 |
| 2016 | 2017 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Aandelenoptieplan SOP 2005-2009 | Aantal warrants | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) |
Aantal warrants | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) |
|
| Uitstaand op 1 januari | 456 486 | 26,710 | 234 486 | 29,120 | |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -222 000 | 24,164 | -26 316 | 28,948 | |
| Uitstaand op 31 december | 234 486 | 29,120 | 208 170 | 29,142 |
| 2016 | 2017 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Aandelenoptieplan SOP 2010-2014 | Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) |
Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) |
|
| Uitstaand op 1 januari | 1 821 585 | 32,942 | 1 481 843 | 34,760 | |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -316 042 | 21,843 | -403 150 | 23,577 | |
| Verbeurd verklaard gedurende het jaar | -23 700 | 67,259 | -2 700 | 26,055 | |
| Uitstaand op 31 december | 1 481 843 | 34,760 | 1 075 993 | 38,972 |
| 2016 | 2017 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Aandelenoptieplan SOP 2015-2017 | Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) |
Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €) |
|
| Uitstaand op 1 januari | - | - | 227 250 | 26,375 | |
| Toegekend gedurende het jaar | 227 250 | 26,375 | 273 325 | 39,426 | |
| Verbeurd verklaard gedurende het jaar | - | - | -7 500 | 31,595 | |
| Uitstaand op 31 december | 227 250 | 26,375 | 493 075 | 33,530 |
| Gewogen gemiddelde resterende contractuele looptijd | ||
|---|---|---|
| in jaren | 2016 | 2017 |
| SOP2 | 3,2 | 2,2 |
| SOP 2005-2009 | 3,7 | 2,7 |
| SOP 2010-2014 | 6,3 | 5,2 |
| SOP 2015-2017 | 9,0 | 8,5 |
In 2017 was de gewogen gemiddelde aandelenkoers op de uitoefendatum niet van toepassing voor de SOP2-opties (2016: € 40,69), € 45,13 voor de SOP 2005-2009-warrants (2016: € 39,45) en € 46,24 voor de SOP 2010-2014-opties (2016: € 35,42). De uitoefenprijs van de warrants en opties is gelijk aan het laagste van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming op de beurs gedurende dertig dagen die de aanboddatum voorafgaan en (ii) de laatste slotkoers van de dag voor de aanboddatum. Wanneer de warrants onder het SOP 2005-2009-plan uitgeoefend worden, wordt het eigen vermogen verhoogd met de ontvangen opbrengsten. Volgens de voorwaarden van het SOP2-plan waren alle tot in 2004 toegekende warrants of opties onmiddellijk toegezegd.
Onder de voorwaarden van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 werden opties tot het verwerven van bestaande aandelen van de Onderneming aangeboden aan de leden van het Bekaert Group Executive, de Senior Vice Presidents en een aantal hogere kaderleden gedurende de periode 2010-2014. De toekenningsdata van elk aanbod waren gepland in de periode 2011-2015. De uitoefenprijs van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 werd op dezelfde manier bepaald als van de voorgaande plannen. De toezeggingsvoorwaarden van zowel de SOP 2010-2014-toekenningen, de SOP2005-2009-toekenningen als de SOP2-toekenningen vanaf 2006 zijn zo opgesteld dat de warrants of opties volledig toegezegd zullen zijn op 1 januari van het vierde jaar na de datum van het aanbod. In het kader van de Economische Herstelwet van 27 maart 2009 werd de uitoefenperiode van de SOP2-opties en de SOP 2005-2009-warrants toegekend in 2006, 2007 en 2008 met vijf jaar verlengd in het voordeel van begunstigden die onderworpen waren aan de Belgische inkomstenbelastingen op het ogenblik dat de verlenging werd aangeboden. De toename in reële waarde toegekend als gevolg hiervan bedraagt € 0,3 miljoen.
De opties toegekend onder SOP2, SOP 2010-2014 en SOP 2015-2017 alsook de warrants toegekend onder SOP 2005-2009 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). De reële waarde van de opties wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel. Inputs en uitkomsten van het optiewaarderingsmodel worden hieronder gedetailleerd:
| Waarderingsmodel Aandelenoptieplannen |
Toegekend in februari 2016 |
Toegekend in februari 2017 |
Toegekend in februari 2018 1 |
|---|---|---|---|
| Inputs van het model | |||
| Aandelenkoers op toekenningsdatum | |||
| (in €) | 27,25 | 39,39 | 37,40 |
| Uitoefenprijs (in €) | 26,38 | 39,43 | 34,60 |
| Verwachte volatiliteit | 39% | 39% | 39% |
| Verwacht dividendrendement | 3% | 3% | 3% |
| Wachtperiode (jaren) | 3,00 | 3,00 | 3,00 |
| Contractduur (jaren) | 10 | 10 | 10 |
| Uitstroom van personeel | 3% | 3% | 3% |
| Risicovrije rentevoet | 0,05% | -0,18% | 0,08% |
| Uitoefenfactor | 1,40 | 1,40 | 1,40 |
| Uitkomst van het model | |||
| Reële waarde (in €) | 7,44 | 10,32 | 10,61 |
| Toegekende opties | 227 250 | 273 325 | 225 475 |
1 Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.
Het model houdt rekening met een vervroegde uitoefening door middel van een uitoefenfactor. Een uitoefenfactor van 1,40 staat voor de veronderstelling dat de gemiddelde begunstigde de opties en warrants uitoefent na de wachtperiode zodra de aandelenkoers de uitoefenprijs 40% overstijgt.
In de loop van 2017 werden 273 325 opties (2016: 227 250) toegekend onder SOP 2015-2017 met een reële waarde van € 10,32 (2016: € 7,44) per eenheid. De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 2,6 miljoen (2016: € 3,3 miljoen) voor de toegekende opties op basis van hun reële waarde en toezeggingsperiode.
De leden van het Bekaert Group Executive, het senior management en een beperkt aantal kaderleden van de Onderneming en van enkele van haar dochtervennootschappen ontvingen gedurende 2015, 2016 en 2017 prestatieaandeeleenheden die de begunstigde het recht geven prestatieaandelen te ontvangen volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan 2015-2017. Deze prestatieaandeeleenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachttijd van drie jaar op voorwaarde dat een vooraf vastgelegde prestatiedoelstelling bereikt wordt. De prestatiedoelstelling werd vastgelegd door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de Groep.
De prestatieaandeeleenheden toegekend onder het Performance Share Plan 2015-2017 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). De reële waarde van de prestatieaandeeleenheden wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel. Inputs en uitkomsten van het optiewaarderingsmodel worden hieronder gedetailleerd:
| Toegekend in | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Waarderingsmodel Prestatieaandelenplan |
februari 2016 | juli 2016 | december 2016 |
maart 2017 | september 2017 |
december 2017 1 |
| Inputs van het model | ||||||
| Aandelenkoers op toekennings datum (in €) |
32,00 | 38,38 | 39,49 | 46,90 | 40,58 | 34,60 |
| Verwachte volatiliteit | 39% | 39% | 39% | 39% | 39% | 39% |
| Verwacht dividendrendement | 3% | 3% | 3% | 3% | 3% | 3% |
| Wachtperiode (jaren) | 2,83 | 2,50 | 3,00 | 2,83 | 2,25 | 3,00 |
| Uitstroom van personeel | 3% | 3% | 3% | 0% | 3% | 3% |
| Risicovrije rentevoet | -0,41% | -0,56% | -0,53% | -0,53% | -0,55% | -0,46% |
| Uitkomst van het model | ||||||
| Reële waarde (in €) | 46,89 | 50,30 | 52,15 | 46,90 | 54,34 | 40,19 |
| Toegekende prestatieaandeel | ||||||
| eenheden | 10 000 | 2 500 | 52 450 | 10 000 | 5 000 | 55 250 |
In 2017 werd een aanbod van 55 250 prestatieaandeeleenheden (2016: 52 450) gedaan in het kader van Performance Share Plan 2015-2017. De toegekende eenheden vertegenwoordigen een reële waarde van € 2,2 miljoen (2016: € 2,7 miljoen). Daarnaast werd een uitzonderlijk aanbod gedaan van 10 000 prestatieaandeeleenheden aan de Chief Executive Officer op 6 maart 2017 en een uitzonderlijk aanbod van 5 000 prestatieaandeeleenheden aan de nieuw aangeworven Chief Human Resources Officer op 1 september 2017. De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 2,0 miljoen (2016: € 0,8 miljoen) voor de toegekende prestatieaandeeleenheden op basis van hun reële waarde en toezeggingsperiode.
In maart 2016 introduceerde de Onderneming het Personal Shareholding Requirement Plan voor de Chief Executive Officer en andere leden van het Bekaert Group Executive ('BGE'), op grond waarvan ze verplicht zijn een persoonlijk belang in aandelen van de Onderneming op te bouwen en waarbij de verwerving van het vereiste aantal aandelen van de Onderneming wordt ondersteund door een zogenaamd matching-mechanisme door de Onderneming. Oorspronkelijk bestond het matching-mechanisme van de Onderneming erin dat de Onderneming de investering van de BGE-leden in aandelen van de Onderneming in jaar x zou evenaren met een premie (uit te betalen op het einde van jaar x+2) die dan zou moeten worden gebruikt door het BGE-lid om te investeren in aandelen van de Onderneming. Op voorstel van de Raad van Bestuur en na goedkeuring door de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 29 maart 2017, werd dit matching-mechanisme van de Onderneming aangepast (met retroactief effect vanaf de start van het Personal Shareholding Requirement Plan), in die zin dat de Onderneming de investering van het BGE-lid in aandelen van de Onderneming in jaar x zal evenaren door een gelijk aantal aandelen van de Onderneming als verworven door het BGE-lid toe te kennen op het einde van jaar x+2.
De matching shares toegekend onder het Personal Shareholding Requirement Plan 2016 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). De reële waarde van de matching shares wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel. Inputs en uitkomsten van het waarderingsmodel worden hieronder gedetailleerd:
| Waarderingsmodel Matching shares |
Toe te kennen december 2018 |
Toe te kennen december 2019 |
||
|---|---|---|---|---|
| Startdatum maart 2016 |
Startdatum juni 2016 1 |
Startdatum maart 2017 |
Startdatum september 2016 2 |
|
| Inputs van het model | ||||
| Aandelenkoers op startdatum (in €) | 35,71 | 38,97 | 45,87 | 40,04 |
| Verwachte volatiliteit | 39% | 39% | 39% | 39% |
| Verwacht dividendrendement | 3% | 3% | 3% | 3% |
| Wachtperiode (jaren) | 2,75 | 2,50 | 2,75 | 2,33 |
| Uitstroom van personeel | 4% | 4% | 4% | 4% |
| Risicovrije rentevoet | -0,40% | -0,01% | -0,51% | -0,54% |
| Uitkomst van het model | ||||
| Reële waarde (in €) | 29,27 | 32,16 | 37,60 | 33,20 |
| Toe te kennen matching shares | 14 737 | 2 003 | 13 202 | 2 523 |
1 nieuw aangeworven Chief Financial Officer
2 nieuw aangeworven Chief Human Resources Officer
In 2018 zullen 16 740 matching shares worden toegekend onder de voorwaarden van Personal Shareholding Requirement Plan 2015 en een toekenning van 15 725 matching shares zal worden gedaan in 2019 onder de voorwaarden van Personal Shareholding Requirement Plan 2016. De matching shares vertegenwoordigen een reële waarde van € 1,1 miljoen (2016: € 0,6 miljoen). De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 0,2 miljoen (2016: € 0,2 miljoen) voor de aan te bieden matching shares op basis van hun reële waarde en toezeggingsperiode.
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Afdekkingsreserve | -148 | -296 |
| Herwaarderingsreserve voor financiële activa beschikbaar voor verkoop | 2 446 | 1 057 |
| Herwaarderingen van toegezegdpensioenregelingen | -80 743 | -70 683 |
| Overige herwaarderingsreserves | -8 206 | -8 206 |
| Uitgestelde belastingen opgenomen in het eigen vermogen via OCI | 30 831 | 30 307 |
| Overige reserves | -55 820 | -47 821 |
| Gecumuleerde omrekeningsverschillen | 4 286 | -105 723 |
| Totaal overige Groepsreserves | -51 534 | -153 544 |
| Eigen aandelen | -127 974 | -103 037 |
| Overgedragen resultaten | 1 432 394 | 1 529 268 |
In de volgende secties van deze toelichting worden de bewegingen in de Groepsreserves en de overgedragen resultaten getoond en becommentarieerd.
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | - | -148 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening | -325 | -209 |
| Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten | 177 | 61 |
| Per 31 december | -148 | -296 |
| Waarvan | ||
| Termijnwisselcontracten | -148 | -296 |
Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten die worden aangemerkt als effectieve kasstroomafdekkingen worden rechtstreeks in het eigen vermogen opgenomen. In overeenstemming met de IFRS-voorschriften voor hedge accounting met betrekking tot kasstroomafdekkingen worden de wisselresultaten als gevolg van de omrekening van de afgedekte posities tegen slotkoers gecompenseerd door de betrokken bedragen over te boeken van de afdekkingsreserve naar de winst-en-verliesrekening.
| Herwaarderingsreserve voor financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Per 1 januari | 97 | 2 446 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening | 591 | - |
| Wijzigingen in reële waarde | 1 758 | -1 389 |
| Per 31 december | 2 446 | 1 057 |
| Waarvan | ||
| Deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd | 2 446 | 1 057 |
De herwaardering van de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd is gebaseerd op de slotkoers op de beurs van Hongkong. Er werden tijdens het boekjaar geen bedragen overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening als gevolg van een bijzonder waardeverminderingsverlies (2016: € 0,6 miljoen).
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Per 1 januari -70 771 |
-80 743 | |
| Herwaarderingen van de periode | -9 615 | 10 629 |
| Inflatie-effecten | -538 | -534 |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | 181 | -35 |
| Per 31 december -80 743 |
-70 683 |
De herwaarderingen resulteren uit het gebruik van gewijzigde actuariële veronderstellingen bij de bepaling van de toegezegdpensioenverplichtingen, uit verschillen tegenover de werkelijke rendementen van fondsbeleggingen op de balansdatum en uit wijzigingen in niet-opgenomen activa omwille van het asset ceiling-principe (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen').
Er werden geen beduidende bewegingen opgenomen in de overige herwaarderingsreserves. Deze reserves bestaan vrijwel uitsluitend uit een verplichting van € 8,2 miljoen die initieel opgezet werd tegen reële waarde via eigen vermogen. Deze verplichting vertegenwoordigt de put-optie die aan Maccaferri verleend werd op haar resterende minderheidsbelangen in Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA. Alle latere reëlewaardewijzigingen met betrekking tot deze financiële verplichting worden in overeenstemming met IFRS opgenomen via de winst-en-verliesrekening.
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Per 1 januari (zoals gerapporteerd) | 30 689 | 30 832 |
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat | -433 | -705 |
| Inflatie-effecten | 183 | 181 |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | 393 | -1 |
| Per 31 december | 30 832 | 30 307 |
Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat ('OCI' = Other Comprehensive Income) worden eveneens opgenomen via OCI (zie toelichting 6.6. 'Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen').
| Eigen aandelen | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Per 1 januari | -144 747 | -127 974 |
| Ingekochte aandelen | -1 114 | -6 301 |
| Verkochte aandelen | 17 887 | 31 238 |
| Per 31 december | -127 974 | -103 037 |
Er werden 172 719 aandelen ingekocht in 2017 (2016: 28 785) zowel om verwatering tegen te gaan als om het kasstroomrisico van op aandelen gebaseerde betalingsregelingen af te dekken, terwijl er 421 885 eigen aandelen verkocht werden aan de begunstigden van de op aandelen gebaseerde betalingsregelingen van de Groep (2016: 392 049). Eigen aandelen worden verwerkt volgens het FIFO-principe (first-in, first-out). Winsten en verliezen op verkopen van eigen aandelen worden rechtstreeks opgenomen in overgedragen resultaten (zie bewegingen in overgedragen resultaten hierna).
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -30 808 | 4 286 |
| Omrekeningsverschillen op goedgekeurde dividenden | -352 | -4 043 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening in verband met afgestoten | ||
| entiteiten of gefaseerde overnames | - | 6 895 |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | -37 | -2 372 |
| Bewegingen ontstaan uit wisselkoersfluctuaties | 35 483 | -110 489 |
| Per 31 december | 4 286 | -105 723 |
| Waarvan gerelateerd aan entiteiten met volgende functionele valuta's | ||
| Chinese renminbi | 138 100 | 102 425 |
| US dollar | 43 121 | 18 140 |
| Braziliaanse real | -118 483 | -146 811 |
| Chileense peso | -1 128 | -5 377 |
| Venezolaanse bolivar | -54 682 | -57 338 |
| Indische roepie | -2 720 | -5 076 |
| Tsjechische kroon | 7 511 | 9 605 |
| Britse pond | -8 201 | -15 210 |
| Russische roebel | -1 728 | -2 850 |
| Andere valuta's | 2 496 | -3 231 |
De schommelingen in omrekeningsverschillen weerspiegelen zowel de wisselkoersevolutie als het relatief belang van de nettoactiva opgenomen in de vermelde valuta's.
| Overgedragen resultaten | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Per 1 januari | 1 397 110 | 1 432 394 |
| Toegekende eigenvermogensinstrumenten | 4 387 | 5 003 |
| Resultaat van de periode toerekenbaar aan de Groep | 105 166 | 184 720 |
| Dividenden | -50 472 | -62 441 |
| Inflatie-effecten | 2 000 | 2 363 |
| Eigenaandelentransacties | -9 235 | -20 959 |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | -16 562 | -11 812 |
| Per 31 december | 1 432 394 | 1 529 268 |
Inflatie-effecten zijn het gevolg van het gebruik van inflatieboekhouding in Venezuela, zoals door IFRS vereist in een hyperinflatoire economie. Eigenaandelentransacties (€ -21,0 miljoen tegenover € -9,2 miljoen in 2016) vertegenwoordigen het verschil tussen de opbrengsten en de FIFO-boekwaarde van de verkochte aandelen. Wijzigingen in Groepsstructuur in 2017 (€ -11,8 miljoen) hadden voornamelijk betrekking op verwervingen van minderheidsbelangen (€ -18,2 miljoen), afstotingen van minderheidsbelangen (€ +4,2 miljoen) en van activiteiten (€ +2,4 miljoen), terwijl deze in 2016 in hoofdzaak te maken hadden met de BBRG-bedrijfscombinatie (€ -16,4 miljoen).
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Per 1 januari | 129 440 | 130 801 |
| Wijzigingen in Groepsstructuur | 10 620 | -2 800 |
| Aandeel in het perioderesultaat | 7 255 | -2 220 |
| Aandeel in andere elementen van het resultaat behalve CTA | 29 | 4 359 |
| Uitgekeerde dividenden | -17 037 | -27 949 |
| Kapitaalverhogingen | - | 9 870 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) | 494 | -16 680 |
| Per 31 december | 130 801 | 95 381 |
De wijzigingen in Groepsstructuur in 2017 hebben voornamelijk betrekking op bewegingen in minderheidsbelangen aangehouden door Chinese partners: Bekaert nam het resterende 50%-belang in Bekaert (Chongqing) Steel Cord Co Ltd over van Ansteel en liet 20% van haar 80% belang in Bekaert (Jining) Steel Cord Co Ltd over aan Hixih. In 2016 hielden de wijzigingen hoofdzakelijk verband met de fusie met Bridon.
Het aandeel in het perioderesultaat daalde sterk door toedoen van de negatieve bijdrage van BBRG en de lagere bijdrage van de Wire-entiteiten in Chili en Peru.
In overeenstemming met IFRS 12, 'Informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten', wordt volgende informatie verschaft met betrekking tot dochterondernemingen waarin derden minderheidsbelangen aanhouden die van materieel belang zijn voor de Groep. De bedoeling van IFRS 12 is om van een entiteit bijkomende toelichting te vereisen die de lezers van haar jaarrekening toelaten volgende elementen te evalueren: (a) de aard van haar belangen in andere entiteiten en de daaraan verbonden risico's en (b) de effecten van deze belangen op haar financiële positie, winstgevendheid en kasstromen. Bekaert heeft vele partnerschappen over de hele wereld, waarvan de meeste individuele entiteiten niet zouden voldoen aan redelijke materialiteitscriteria. Daarom heeft de Groep drie groepen van entiteiten met minderheidsbelangen geïdentificeerd die onderling verbonden zijn door de aard van hun activiteiten en aandeelhouderstructuur: (1) de BBRG-entiteiten, een globale business waarin Bekaert haar wereldwijde voetafdruk heeft uitgebreid sinds medio 2016; (2) de Wire-entiteiten in Chili en Peru, waarin de minderheidsbelangen hoofdzakelijk in handen zijn van de Chileense partners, en (3) de Wire-entiteiten in de Andina regio, waarin de minderheidsbelangen hoofdzakelijk in handen zijn van de Ecuadoriaanse familie Kohn en ArcelorMittal. Bij de groepering van deze informatie werden enkel de intragroepseffecten binnen elke groep van entiteiten geëlimineerd, terwijl alle andere entiteiten van de Groep als derden werden behandeld.
| Entiteiten opgenomen in de toelichting m.b.t. materiële minderheidsbelangen |
Aandeel van minderheidsbelangen op jaareinde |
||
|---|---|---|---|
| Land | 2016 | 2017 | |
| BBRG-entiteiten | |||
| Acma Inversiones SA | Chili | 40,0% | 40,0% |
| BBRG (Purchaser) Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| BBRG (Subsidiary) Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| BBRG Finance (UK) Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| BBRG Holding (UK) Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| BBRG Operations (UK) Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| BBRG Production (UK) Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| BBRG - Macaé Cabos Ltda | Brazilië | 40,1% | 40,1% |
| BBRG - Osasco Cabos Ltda | Brazilië | 40,0% | 40,0% |
| Bekaert (Shenyang) Advanced Cords Co Ltd | China | 40,0% | 40,0% |
| Bekaert Advanced Cords Aalter NV | België | 40,0% | 40,0% |
| Bekaert Wire Rope Industry NV | België | 40,0% | 40,0% |
| Bekaert Wire Ropes Pty Ltd | Australië | 40,0% | 40,0% |
| Bridge Finco LLC | Verenigde Staten | 40,0% | 0,0% |
| Bridon (Hangzhou) Ropes Co Ltd | China | 40,1% | 40,1% |
| Bridon (South East Asia) Ltd | China | 40,1% | 40,1% |
| Bridon Australia Pty Ltd | Australië | 40,1% | 0,0% |
| Bridon Coatbridge Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| Bridon Holdings Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,1% | 40,1% |
| Bridon Hong Kong Ltd | China | 40,1% | 40,1% |
| Bridon International GmbH | Duitsland | 40,0% | 40,0% |
| Bridon International Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| Bridon Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| Bridon New Zealand Ltd | Nieuw-Zeeland | 40,1% | 40,1% |
| Bridon Ropes NV/SA | Verenigd Koninkrijk | 40,1% | 40,1% |
| Bridon Pension Trust (No Two) Ltd | België | 40,0% | 40,0% |
| Bridon Scheme Trustees Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| Bridon Singapore Pte Ltd | Singapore | 40,1% | 40,1% |
| Bridon-American Corporation | Verenigde Staten | 40,0% | 40,0% |
| Bridon-Bekaert Ropes Group (UK) Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| Bridon-Bekaert Ropes Group Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| Bridon-Bekaert Scanrope AS | Noorwegen | 40,1% | 40,1% |
| British Ropes Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| Gloucester Rope & Tackle Company Ltd | Verenigd Koninkrijk | 40,0% | 40,0% |
| Inversiones BBRG Lima SA | Peru | 0,0% | 42,4% |
| Procables SA | Peru | 42,3% | 42,3% |
| Procables Wire Ropes SA | Chili | 40,0% | 40,0% |
| Prodinsa SA | Chili | 40,0% | 40,0% |
| PT Bridon | Indonesië | 40,1% | 40,1% |
| Wire Rope Industries Ltd/Industries de Câbles d'Acier Ltée | Canada | 40,0% | 40,0% |
| Wire Rope Industries USA, Inc | Verenigde Staten | 40,0% | 0,0% |
| Wire-entiteiten Chili en Peru | |||
| Acma SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Acmanet SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Industrias Acmanet Ltda | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Inversiones Impala Perú SA Cerrada | Peru | 48,0% | 48,0% |
| Procercos SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Prodalam SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Prodac Contrata SAC | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Prodac Selva SAC | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Productos de Acero Cassadó SA | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Wire-entiteiten Andina regio | |||
| Bekaert Ideal SL | Spanje | 20,0% | 20,0% |
| Bekaert Costa Rica SA | Costa Rica | 41,6% | 41,6% |
| Bekaert Trade Latin America NV | Nederlandse Antillen | 0,0% | 41,6% |
| BIA Alambres Costa Rica SA | Costa Rica | 41,6% | 41,6% |
| Ideal Alambrec SA | Ecuador | 41,6% | 41,6% |
| InverVicson SA Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS |
Venezuela Colombia |
20,0% 20,0% |
20,0% 20,0% |
| Vicson SA | Venezuela | 20,0% | 20,0% |
De hoofdactiviteit van de voornaamste entiteiten in bovenstaande lijst is de productie en verkoop van draad, staalkabel en andere draadproducten, in hoofdzaak voor de lokale markt. De volgende entiteiten zijn in wezen holdings die deelnemingen aanhouden in één of meer van de overige entiteiten in de vorige lijst: Acma Inversiones SA, Procables Wire Ropes SA, Bekaert Wire Rope Industry NV, BBRG (Purchaser) Ltd, BBRG (Subsidiary) Ltd, BBRG Finance (UK) Ltd, BBRG Holding (UK) Ltd, BBRG Operations (UK) Ltd, BBRG Production (UK) Ltd, Bridon Holdings Ltd, Bridon-Bekaert Ropes Group (UK) Ltd, Bridon-Bekaert Ropes Group Ltd, Industrias Acmanet Ltda, Procercos SA, Inversiones Impala Perú SA Cerrada en Bekaert Ideal SL. De volgende tabel toont het relatief belang van de entiteitgroepen met materiële minderheidsbelangen in termen van resultaten en eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen.
| Materiële en overige minderheidsbelangen | Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen |
Eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen |
|||
|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 | 2016 | 2017 | |
| BBRG-entiteiten | -14 492 | -21 482 | -9 506 | -18 275 | |
| Wire-entiteiten Chili en Peru | 10 622 | 7 692 | 86 918 | 71 877 | |
| Wire-entiteiten Andina regio | 2 677 | 4 388 | 17 731 | 16 878 | |
| Consolidatieaanpassingen op materiële minderheidsbelangen |
3 014 | -15 | -24 327 | -37 854 | |
| Bijdrage van de materiële minderheidsbelangen tot de geconsolideerde minderheidsbelangen |
1 821 - | 9 417 | 70 816 | 32 626 | |
| Overige minderheidsbelangen | 5 434 | 7 197 | 59 985 | 62 755 | |
| Totaal minderheidsbelangen | 7 255 - | 2 220 | 130 801 | 95 381 |
De substantiële consolidatieaanpassingen op het eigen vermogen toerekenbaar aan materiële minderheidsbelangen houden in hoge mate verband met de Wire-entiteiten in Chili en Peru en met de BBRG-entiteiten.
De onderstaande tabellen geven een beknopt overzicht van de financiële staten voor deze entiteitgroepen.
| BBRG-entiteiten | |
|---|---|
| 2016 in duizend € |
2017 |
| Vlottende activa 271 084 |
254 193 |
| Vaste activa 356 840 |
360 631 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar 152 743 |
161 658 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar 499 908 |
498 561 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep -15 221 |
-27 120 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan | |
| minderheidsbelangen -9 506 |
-18 275 |
De Bridon-Bekaert Ropes Group is een Senior Facilities Agreement aangegaan voor het financieren van de nieuwe entiteit. Deze Senior Facilities Agreement houdt volgende beduidende beperkingen in voor de ontlener om toegang te krijgen tot of gebruik te maken van zijn activa voor het vereffenen van zijn schulden:
De ontlener kan vooruitbetaalde sommen van de Term Facilities (USD 348,3 miljoen tegenover USD 324,9 miljoen in 2016) of welke Additional Term Facility dan ook (nihil in 2017 en 2016) nooit opnieuw opnemen.
waarbij een drempelwaarde gelijk aan USD 5,0 miljoen mag afgehouden worden van het te betalen bedrag.
» Overname- en verzekeringsopbrengsten (nettovergoedingen van claims die betrekking hebben op overnames en verzekeringen na aftrek van gerelateerde kosten en belastingen) hoger dan USD 2,5 miljoen moeten terugbetaald worden aan de leners.
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Omzet | 303 158 | 457 531 |
| Kosten | -339 795 | -511 327 |
| Perioderesultaat | -36 637 | -53 796 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | -22 145 | -32 314 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | -14 492 | -21 482 |
| Andere elementen van het resultaat | 3 748 | -2 456 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan de Groep | 2 246 | -1 460 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 1 502 | -996 |
| Volledig perioderesultaat | -32 889 | -56 252 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | -19 899 | -33 774 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | -12 990 | -22 478 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten | -44 254 | 24 767 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten | -89 958 | -10 176 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten | 179 691 | -29 410 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) | 45 479 | -14 819 |
Het perioderesultaat van de BBRG-entiteiten werd zowel in 2016 als 2017 nadelig beïnvloed door de sterk teruggelopen vraag in de olie-en-gassector. De kasstromen uit investerings- en financieringsactiviteiten in 2016 gaven voornamelijk eenmalige effecten van de fusie met Bridon weer. Kasuitstromen uit financieringsactiviteiten in 2017 hadden vooral betrekking op nettorentebetalingen (€ -18,1 miljoen) en aflossingen van financiële schulden (€- 10,5 miljoen).
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | 201 110 | 202 072 |
| Vaste activa | 146 329 | 142 277 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 136 513 | 152 059 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 46 651 | 55 447 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep | 77 357 | 64 966 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan | ||
| minderheidsbelangen | 86 918 | 71 877 |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Omzet | 422 946 | 451 644 |
| Kosten | -402 663 | -436 429 |
| Perioderesultaat | 20 283 | 15 215 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | 9 662 | 7 524 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 10 622 | 7 692 |
| Andere elementen van het resultaat | 11 059 | -11 380 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan de Groep | 5 636 | -5 068 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 5 423 | -6 312 |
| Volledig perioderesultaat | 31 342 | 3 835 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | 15 298 | 2 456 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 16 045 | 1 380 |
| Uitbetaalde dividenden aan minderheidsbelangen | -12 264 | -15 676 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten | 45 281 | 12 290 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten | -8 321 | -18 763 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten | -35 103 | -5 143 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) | 1 857 | -11 616 |
De toename in verplichtingen weerspiegelt vooral de stijgende schuld in Peru om de kasuitstromen uit bedrijfs-en investeringsactiviteiten te financieren. De omzet nam toe in Chili, maar bleef eerder constant in Peru terwijl de bedrijfsresultaten te lijden hadden onder de steile walsdraadprijsstijgingen die niet volledig konden gerecupereerd worden in de verkoopprijszetting. Andere elementen van het resultaat omvatten voornamelijk omrekeningsverliezen als gevolg van de verzwakte Chileense peso en US dollar (de functionele valuta van de entiteiten in Peru). Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten daalden omwille van de gezakte rentabiliteit en toenames in werkkapitaal, terwijl er meer kasmiddelen besteed werden aan investeringsactiviteiten, vooral in Peru.
| 2016 in duizend € |
2017 |
|---|---|
| Vlottende activa 102 623 |
88 692 |
| Vaste activa 72 892 |
57 456 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar 103 960 |
84 790 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar 28 753 |
19 639 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep 25 071 |
24 841 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan | |
| minderheidsbelangen 17 731 |
16 878 |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Omzet | 184 668 | 187 585 |
| Kosten | -179 714 | -178 590 |
| Perioderesultaat | 4 953 | 8 996 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | 2 276 | 4 608 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 2 677 | 4 388 |
| Andere elementen van het resultaat | -11 185 | -7 774 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan de Groep | -9 293 | -4 880 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | -1 892 | -2 894 |
| Volledig perioderesultaat | -6 232 | 1 222 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | -7 017 | -272 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 785 | 1 494 |
| Uitbetaalde dividenden aan minderheidsbelangen | -1 651 | -2 258 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten | 31 230 | 6 446 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten | -4 626 | -3 020 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten | -6 980 | -5 022 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) | 19 624 | -1 596 |
De voornaamste balanssubtotalen daalden aanzienlijk, vooral als gevolg van omrekeningsverschillen en zonder significant nettoeffect op het eigen vermogen. Vicson SA (Venezuela) blijft gebonden aan beperkingen op de repatriatie van geldmiddelen vanwege de regulering van het deviezenverkeer in Venezuela.
Per 31 december 2017 bedroegen de totale nettovoorzieningen voor personeelsbeloningen € 268,1 miljoen (€ 316,8 miljoen per jaareinde 2016), met volgende samenstelling:
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Voorzieningen voor | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | 172 213 | 144 312 |
| Andere langetermijnpersoneelsbeloningen | 6 333 | 5 966 |
| In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 3 594 | 2 702 |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 124 799 | 120 341 |
| Ontslagvergoedingen | 9 888 | 7 693 |
| Totaal voorzieningen in de balans | 316 827 | 281 015 |
| waarvan | ||
| Voorzieningen op meer dan een jaar | 182 641 | 150 810 |
| Voorzieningen op ten hoogste een jaar | 132 913 | 130 204 |
| Voorzieningen verbonden met activa aangehouden voor verkoop | 1 273 | - |
| Activa voor | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | -42 | -12 915 |
| Totaal activa in de balans | -42 | -12 915 |
| Totaal nettovoorzieningen | 316 785 | 268 100 |
In overeenstemming met IAS 19, 'Personeelsbeloningen', worden vergoedingsregelingen na uitdiensttreding opgedeeld in toegezegdebijdragenregelingen en toegezegdpensioenregelingen.
Bij toegezegdebijdragenregelingen betaalt Bekaert bijdragen aan publieke of private pensioenfondsen of aan verzekeringsmaatschappijen. Eenmaal de bijdragen zijn betaald, heeft de Groep geen verdere betalingsverplichtingen. Deze bijdragen worden ten laste genomen van de periode waarin de verplichting ontstaat.
De Belgische toegezegdebijdragenregelingen zijn bij wet onderworpen aan gewaarborgde minimumrendementen. De pensioenwetgeving werd eind 2015 aangepast en definieert het minimum gegarandeerd rendement vanaf 1 januari 2016 als een variabel procent dat gelinkt is aan de rendementen op overheidsobligaties die in de markt worden waargenomen. Vanaf 2016 wordt het minimum gegarandeerd rendement 1,75% op zowel werkgevers- als werknemersbijdragen. De vroegere rendementen (3,25% op werkgeversbijdragen en 3,75% op werknemersbijdragen) worden verder toegepast op de gecumuleerde bijdragen van het verleden aan de groepsverzekering op 31 december 2015. Bijgevolg werden de toegezegdebijdragenregelingen geherclassificeerd als toegezegdpensioenregelingen op jaareinde, waarbij een actuariële waardering werd uitgevoerd.
In Nederland neemt Bekaert deel aan een collectieve toegezegdpensioenregeling van meerdere werkgevers die gefinancierd wordt via het Pensioenfonds Metaal & Techniek. Deze regeling wordt geclassificeerd als toegezegdebijdragenregeling omdat er geen informatie beschikbaar is met betrekking tot de fondsbeleggingen toerekenbaar aan Bekaert. De bijdragen met betrekking tot deze regeling bedroegen € 1,0 miljoen (2016: € 0,9 miljoen).
| Toegezegdebijdragenregelingen | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Opgenomen kosten | 14 169 | 13 894 |
Meerdere ondernemingen van de Groep voorzien in toegezegdpensioenregelingen voor pensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding. Dergelijke regelingen gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op hun bezoldiging en aantal dienstjaren.
De recentste actuariële IAS 19-waarderingen werden voor alle significante toegezegdpensioenregelingen na uitdiensttreding uitgevoerd op 31 december 2017 door onafhankelijke actuarissen. In België, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk bevinden zich de belangrijkste toegezegdpensioenregelingen voor de Groep. Zij vertegenwoordigen 86,4% (2016: 87,1%) van de brutoverplichtingen en 99,7% (2016: 99,8%) van de fondsbeleggingen van de Groep.
De gefinancierde pensioenregelingen vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 185,1 miljoen (2016: € 189,4 miljoen) en € 172,1 miljoen activa (2016: € 168,5 miljoen). Deze omvatten de toegezegdebijdragenregelingen gefinancierd door groepsverzekeringen.
De traditionele toegezegdpensioenregelingen voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering en in geval van overlijden of invaliditeit voorafgaand aan pensionering. Deze regelingen worden extern gefinancierd door twee instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP) in eigen beheer. Op regelmatige basis wordt een Asset Liability Matching (ALM) studie uitgevoerd, waarin de gevolgen van strategische investeringsrichtlijnen worden geanalyseerd in termen van risico-en rendementsprofielen. Uit deze studie worden de investeringsprincipes en het financieringsbeleid afgeleid. Het is de bedoeling de beleggingen afdoende te diversifiëren teneinde het risico onder controle te houden. De investerings- en aansprakelijkheidsrisico's worden op kwartaalbasis opgevolgd. De financieringspolitiek heeft als doel om minstens volledig gefinancierd te zijn in termen van statutaire minimumvereisten (dit is een voorzichtige schatting van de pensioenverplichtingen).
Andere regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op brugpensioenen (brutoverplichting € 19,8 miljoen (2016: € 20,7 miljoen)), die niet extern gefinancierd zijn. Een bedrag van € 9,6 miljoen (2016: € 8,9 miljoen) heeft betrekking op werknemers in actieve dienst die nog geen brugpensioenakkoord hebben afgesloten.
De gefinancierde pensioenregelingen in de Verenigde Staten vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 122,2 miljoen (2016: € 146,3 miljoen) en € 85,9 miljoen activa (2016: € 99,7 miljoen). De plannen voorzien in levenslange rentebetalingen aan de deelnemers, maar werden gesloten voor nieuwe deelnemers. De activa zijn geïnvesteerd in obligaties en in aandelen. Op basis van een Asset Liability Matching studie werd de allocatie van de activa verschoven naar meer obligaties met langere looptijd. De financieringspolitiek is erop gericht om voldoende gefinancierd te zijn in termen van de vereisten van de Pension Protection Act, om te vermijden dat er uitkeringsbeperkingen van kracht worden of dat de regelingen een at risk-status verwerven. In de loop van 2017 vond een pensioenrenteafkoopprogramma plaats, waarbij activa en verplichtingen werden overgedragen aan een externe provider.
Niet-gefinancierde regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op medische zorgen (brutoverplichting € 4,7 miljoen (2016: € 5,0 miljoen)), die niet extern gefinancierd zijn.
De gefinancierde pensioenregelingen in het Verenigd Koninkrijk vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 86,1 miljoen (2016: € 98,3 miljoen) en € 99,0 miljoen activa (2016: € 96,1 miljoen). De regeling wordt beheerd door een aparte Raad van Bestuur die juridisch los staat van de onderneming. De Raad van Bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van zowel werkgevers als werknemers. De bestuurders zijn wettelijk verplicht om te handelen in het belang van alle betrokken begunstigden en zijn verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van de activa en het dagelijkse beheer van de uitkeringen. De pensioenverplichting bestaat uit voordelen voor deelnemers met uitgestelde rechten en rentetrekkers. In grote lijnen is ongeveer 80% van de verplichtingen toe te schrijven aan inactieven en 20% aan gepensioneerden.
Na een wijziging in de bewoordingen van de Trust Deed is een economisch voordeel beschikbaar voor het bedrijf in de vorm van mogelijke terugbetalingen van het plan. Bijgevolg is de asset ceiling niet langer van toepassing.
Britse wetgeving vereist dat pensioenregelingen op prudente wijze worden gefinancierd. De laatste waardering ter bepaling van de financiering werd uitgevoerd door een erkende actuaris per 31 december 2016 en resulteerde in een tekort van € 6,5 miljoen (gebruik makend van de wisselkoers van december 2017). De entiteit heeft een financieringsakkoord getekend om het tekort aan te vullen. Als onderdeel van het financieringsakkoord droeg de onderneming € 2,2 miljoen bij aan de regeling in de periode eindigend op 31 december 2017 (2016: € 2,2 miljoen). Er wordt verwacht dat geen bijdragen zullen worden gedaan gedurende het jaar tot 31 december 2018, gevolgd door betalingen van € 0,8 miljoen per jaar over de periode van 1 januari 2019 tot 31 augustus 2021. De bovenstaande bijdragen omvatten administratiekosten die los van IAS 19 worden gerapporteerd.
Volgende bedragen werden opgenomen in de balans:
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| België | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 189 422 | 185 156 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -168 520 | -172 087 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 20 902 | 13 069 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 23 286 | 19 819 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 44 188 | 32 888 |
| Verenigde Staten | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 146 289 | 122 177 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -99 704 | -85 953 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 46 585 | 36 224 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 10 762 | 9 706 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 57 347 | 45 930 |
| Verenigd Koninkrijk | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 98 336 | 86 125 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -96 087 | -99 027 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 2 249 | -12 902 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | - | - |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 2 249 | -12 902 |
| Andere | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 874 | 1 227 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -782 | -947 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 92 | 280 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 68 294 | 65 200 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 68 386 | 65 480 |
| Totaal | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 434 921 | 394 685 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -365 093 | -358 014 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 69 828 | 36 671 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 102 342 | 94 725 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 172 170 | 131 396 |
De evolutie van de brutoverplichting, de fondsbeleggingen en de nettovoorziening en –vordering over het jaar zijn als volgt:
| Bedragen niet | Netto | |||
|---|---|---|---|---|
| Bruto | Fonds | opgenomen als | voorzieningen/ | |
| in duizend € | verplichting | beleggingen | activa | vorderingen (-) |
| Per 1 januari 2016 | 405 653 | -240 168 | 165 485 | |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | 17 990 | - | 17 990 | |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | -6 070 | - | -6 070 | |
| Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen | -1 905 | 3 075 | 1 170 | |
| Rentelasten / -opbrengsten (-) | 13 533 | -8 093 | 87 | 5 527 |
| Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat | 23 549 | -5 018 | 87 | 18 618 |
| Componenten opgenomen in EBIT | - | - | - | 13 090 |
| Componenten opgenomen in het financieel resultaat | - | - | - | 5 527 |
| Herwaarderingen | ||||
| Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering van | ||||
| bedragen opgenomen in de rentelasten / | ||||
| -opbrengsten (-) | - | -17 476 | -17 476 | |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische | ||||
| assumpties | -2 286 | - | -2 286 | |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële | ||||
| assumpties | 26 716 | - | 26 716 | |
| Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen | 9 340 | - | 9 340 | |
| Verandering in oninbare overschotten behalve rente | - | - | -6 318 | -6 318 |
| Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen | 33 769 | -17 476 | -6 318 | 9 975 |
| Bijdragen | ||||
| Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen | - | -32 268 | -32 268 | |
| Werknemersbijdragen | 145 | -145 | - | |
| Uitbetalingen van het plan | ||||
| Uitbetaalde vergoedingen | -25 149 | 25 149 | - | |
| Acquisities | 96 222 | -95 202 | 6 477 | 7 497 |
| Effecten van omrekening van vreemde valuta | 3 074 | 36 | -246 | 2 863 |
| Per 31 december 2016 | 537 263 | -365 093 | - | 172 170 |
| Per 1 januari 2017 | 537 263 | -365 093 | 172 170 | |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | 18 648 | - | 18 648 | |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | -6 151 | - | -6 151 | |
| Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen | -12 526 | 12 434 | -92 | |
| Rentelasten / -opbrengsten (-) | 13 187 | -8 802 | - | 4 385 |
| Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat | 13 158 | 3 632 | - | 16 789 |
| Componenten opgenomen in EBIT | 12 405 | |||
| Componenten opgenomen in het financieel resultaat | 4 385 | |||
| Herwaarderingen | ||||
| Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering van | ||||
| bedragen opgenomen in de rentelasten / -opbrengsten (-) |
- | -12 633 | -12 633 | |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische | ||||
| assumpties | -3 750 | - | -3 750 | |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële | ||||
| assumpties | 1 684 | - | 1 684 | |
| Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen | -424 | - | -424 | |
| Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen | -2 490 | -12 633 | - | -15 123 |
| Bijdragen | ||||
| Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen | - | -31 633 | -31 633 | |
| Werknemersbijdragen | 173 | -173 | - | |
| Uitbetalingen van het plan | ||||
| Uitbetaalde vergoedingen | -32 418 | 32 418 | - | |
| Herclassificeringen | 143 | - | 143 | |
| Effecten van omrekening van vreemde valuta | -26 420 | 15 469 | - | -10 951 |
| Per 31 december 2017 | 489 409 | -358 013 | - | 131 396 |
De pensioenkosten van verstreken diensttijd in 2017 hebben voornamelijk betrekking op planwijzigingen in België veroorzaakt door de pensioenwetgeving; in 2016 ging dit vooral over pensioenplannen in de VS, Maleisië en Peru. De afwikkelingskosten in 2017 zijn in hoofdzaak gerelateerd aan het pensioenrenteafkoopprogramma in de VS en afwikkelingsbetalingen in Italië; in 2016 ging dit vooral over een herstructurering in Turkije. In de winst-en-verliesrekening worden zowel de pensioenkosten toegerekend aan het dienstjaar als van verstreken diensttijd, inclusief de winsten en verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT). De nettorentelast of -opbrengst maakt deel uit van de rentelasten, onder rentegedeelte van rentedragende voorzieningen.
Restitutierechten voortkomend uit herverzekeringscontracten met betrekking tot pensioenen, overlijdens- en invaliditeitsvergoedingen in Duitsland bedragen € 0,2 miljoen (2016: € 0,3 miljoen).
Voor 2018 worden volgende bijdragen en uitbetaalde vergoedingen verwacht:
| Verwachte bijdragen en uitbetaalde vergoedingen | |
|---|---|
| in duizend € | 2018 |
| Pensioenregelingen | 24 971 |
| Totaal | 24 971 |
De reële waarde van de fondsbeleggingen per 31 december was als volgt samengesteld:
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| België | ||
| Obligaties | 34 120 | 42 706 |
| Aandelen | 62 290 | 64 313 |
| Geldmiddelen | 9 404 | 6 038 |
| Verzekeringen | 62 706 | 59 031 |
| Totaal België | 168 520 | 172 088 |
| Verenigde Staten | ||
| Obligaties | ||
| USD langetermijnobligaties | 53 532 | 46 035 |
| USD vastrentende effecten | 9 956 | 12 447 |
| USD gewaarborgde deposito's | 5 522 | - |
| Aandelen | ||
| USD aandelen | 22 251 | 19 307 |
| Niet-USD aandelen | 8 443 | 8 164 |
| Totaal Verenigde Staten | 99 704 | 85 953 |
| Verenigd Koninkrijk | ||
| Obligaties | 9 911 | 20 363 |
| Afgeleide producten | 45 738 | 44 925 |
| Aandelen | 39 695 | 33 145 |
| Geldmiddelen | 743 | 594 |
| Totaal Verenigd Koninkrijk | 96 087 | 99 027 |
| Andere | ||
| Obligaties | 782 | 946 |
| Totaal Andere | 782 | 946 |
| Totaal | 365 093 | 358 014 |
In de Verenigde Staten wordt voornamelijk geïnvesteerd via beleggingsfondsen en gekantonneerde fondsen van verzekeringsmaatschappijen in genoteerde aandelen en obligaties. In België wordt voornamelijk belegd via beleggingsfondsen in genoteerde aandelen en obligaties. De beleggingen zijn afdoende gediversifieerd zodat een faling van één enkele belegging geen materiële impact zou hebben op het globale niveau van de activa. De fondsbeleggingen van de Groep omvatten geen directe positie in Bekaertaandelen of -obligaties, noch in vastgoed dat wordt gebruikt door een Bekaertentiteit.
De voornaamste actuariële veronderstellingen op balansdatum (gewogen gemiddelden gebaseerd op uitstaande brutoverplichtingen) zijn:
| Actuariële veronderstellingen | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 2,7% | 2,5% |
| Jaarlijkse verhoging van bezoldigingen | 3,1% | 3,0% |
| Onderliggende inflatie | 2,6% | 1,5% |
| Toename gezondheidszorgkost (initieel) | 6,6% | 7,0% |
| Toename gezondheidszorgkost (uiteindelijk) | 4,8% | 4,7% |
| Gezondheidszorg (jaren voor het bereiken van het uiteindelijke percentage) | 7 | 9 |
De disconteringsvoet voor de Verenigde Staten en België is een weerspiegeling van zowel de huidige renteomgeving als van de specifieke karakteristieken van de planverplichtingen. In eerste instantie worden de geprojecteerde toekomstige uitbetalingen gekoppeld aan de toepasselijke contantkoersen, op basis waarvan de contante waarde berekend wordt. Daarna wordt teruggerekend wat de gemiddelde disconteringsvoet is die dezelfde contante waarde oplevert. De contantkoersen worden afgeleid van een rentecurve gebaseerd op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een AA-kredietstatus uitgegeven in de munt van de toepasselijke regionale markt.
Dit resulteerde in de volgende disconteringsvoeten:
| Disconteringsvoet | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| België | 1,5% | 1,6% |
| Verenigde Staten | 4,0% | 3,5% |
| Verenigd Koninkrijk | 2,6% | 2,7% |
| Overige | 3,4% | 3,2% |
Assumpties met betrekking tot toekomstige sterfte zijn gebaseerd op actuarieel advies in overeenstemming met gepubliceerde statistieken en ervaring voor elke regio. Deze assumpties worden vertaald in een gemiddelde levensverwachting in jaren voor een gepensioneerde die uit dienst treedt op de leeftijd van 65.
| 2016 | 2017 | |
|---|---|---|
| Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) op de balansdatum | 20,7 | 20,4 |
| Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) op de balansdatum | 23,3 | 23,0 |
| Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum | 21,7 | 21,2 |
| Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum | 24,4 | 23,9 |
Een sensitiviteitsanalyse levert volgende effecten op:
| Sensitiviteitsanalyse in duizend € |
Wijziging in veronder stelling |
Impact op toegezegdpensioenregelingen | ||
|---|---|---|---|---|
| Disconteringsvoet | -0,50% | Stijging met | 21 415 | 4,4% |
| Salarisstijging | 0,50% | Stijging met | 11 135 | 2,3% |
| Gezondheidszorgkost | 0,50% | Stijging met | 200 | 0,04% |
| Stijging met | ||||
| Levensverwachting | 1 jaar | Stijging met | 6 754 | 1,4% |
Bij bovenstaande sensitiviteitsanalyse werden alle andere veronderstellingen constant gehouden.
De Groep is door zijn toegezegdpensioenregelingen blootgesteld aan een aantal risico's, waarvan de belangrijkste hieronder zijn toegelicht:
| Volatiliteit van de activa | De verplichtingen van het plan worden berekend met behulp van een disconteringsvoet gebaseerd op bedrijfsobligatierendementen; wanneer de fondsbeleggingen dit rendement niet behalen, zal dit een tekort veroorzaken. |
|---|---|
| Wijzigingen in obligatie rendementen |
Een afname van de rendementen op bedrijfsobligaties leidt tot een toename van de verplichtingen, hoewel dit gedeeltelijk zal worden gecompenseerd door een waardestijging van de obligaties in portefeuille. |
| Salarisrisico | De brutoverplichtingen van de meeste regelingen worden berekend op basis van de toekomstige verloning van de deelnemers. Bijgevolg zal een hoger dan verwachte salarisstijging leiden tot hogere verplichtingen. |
| Langlevenrisico | Belgische pensioenplannen voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering. Zodoende is er weinig of geen langlevenrisico. Pensioenplannen in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk voorzien in voordelen voor de deelnemers zolang zij leven, dus zal een toename in levensverwachting resulteren in een toename van de planverplichtingen. |
De gewogen gemiddelde vervaltermijnen van de brutoverplichtingen waren als volgt:
| in jaren | 2017 |
|---|---|
| België | 13,6 |
| Verenigde Staten | 12,4 |
| Verenigd Koninkrijk | 22,9 |
| Overige | 10,8 |
| Totaal | 14,5 |
De andere langetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op jubileumpremies.
De Groep kent aan bepaalde werknemers Stock Appreciation Rights (SARs) toe die hen het recht geven om op de uitoefendatum de intrinsieke waarde van de SARs te ontvangen. Deze SARs worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde aandelenoptieplannen (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen'). Gebaseerd op de lokale regulering is de uitoefenprijs voor elke toekenning onder de SAR-plannen in de VS gelijk aan de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming gedurende de dertig dagen volgend op de datum van het aanbod. De uitoefenprijs van de andere SAR-plannen is bepaald op dezelfde wijze als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde aandelenoptieplannen: als de laagste waarde van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming gedurende dertig dagen voorafgaand aan de datum van het aanbod, en (ii) de laatste slotkoers voorafgaand aan de datum van het aanbod.
Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 36,45 (2016: € 38,49), verwachte volatiliteit van 39% (2016: 39%), een verwacht dividend van 3,0% (2016: 3,0%), een wachtperiode van 3 jaar, een gemiddelde contractduur van 10 jaar, een uitstroom van personeel van 4% in Azië (2016: 4%) en 3% in andere landen (2016: 3%) en een uitoefenfactor van 1,40 (2016: 1,40). De input voor de risicovrije rente varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO's (Obligation Linéaire / Lineaire Obligatie) met een looptijd gelijk aan de looptijd van de bewuste SAR-toekenning.
De uitoefenprijzen en reële waardes van de uitstaande SARs per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:
| Details van VS SAR-plannen per toekenning in € |
Uitoefenprijs | Reële waarde per 31 dec 2016 |
Reële waarde per 31 dec 2017 |
|---|---|---|---|
| Toekenning 2010 | 37,05 | 5,62 | - |
| Toekenning 2011 | 83,43 | 2,15 | 1,22 |
| Toekenning 2012 | 27,63 | 12,23 | 10,66 |
| Toekenning 2013 | 22,09 | 16,52 | 14,55 |
| Exceptionele toekenning 2013 | 22,51 | 16,13 | 14,26 |
| Toekenning 2014 | 25,66 | 13,59 | 11,90 |
| Toekenning 2015 | 25,45 | 14,54 | 12,11 |
| Toekenning 2016 | 28,38 | 13,40 | 11,74 |
| Toekenning 2017 | 38,86 | 10,36 | 9,01 |
| Toekenning 2018 1 | 37,06 | - | 9,77 |
| Details van andere SAR-plannen per toekenning | Uitoefenprijs | Reële waarde per 31 dec 2016 |
Reële waarde per 31 dec 2017 |
|---|---|---|---|
| in € | |||
| Toekenning 2008 | 28,33 | 10,47 | - |
| Toekenning 2009 | 16,66 | 20,71 | 18,73 |
| Toekenning 2010 | 33,99 | 8,89 | 7,03 |
| Toekenning 2011 | 77,00 | 2,48 | 1,49 |
| Toekenning 2012 | 25,14 | 13,85 | 12,15 |
| Toekenning 2013 | 19,20 | 19,29 | 17,27 |
| Exceptionele toekenning 2013 | 21,45 | 17,11 | 15,14 |
| Toekenning 2014 | 25,38 | 13,68 | 12,12 |
| Toekenning 2015 | 26,06 | 14,05 | 11,77 |
| Toekenning 2016 | 26,38 | 13,93 | 12,45 |
| Toekenning 2017 | 39,43 | 9,84 | 8,64 |
| Toekenning 2018 1 | 34,60 | - | 9,99 |
Op 31 december 2017 bedroeg de totale verplichting voor de VS SAR-plannen € 0,7 miljoen (2016: € 1,3 miljoen), terwijl de totale verplichting voor andere SAR-plannen € 1,5 miljoen bedroeg (2016: € 2,0 miljoen).
De Groep nam een totale last van € 1,1 miljoen op (2016: last van € 1,4 miljoen) tijdens het jaar in verband met SARs.
Gedurende 2015, 2016 en 2017 kende de Groep aan bepaalde werknemers in geldmiddelen afgewikkelde prestatieaandeeleenheden toe die de begunstigde het recht geven de waarde van de prestatieaandelen te ontvangen volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan 2015-2017. Deze prestatieaandeeleenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachttijd van drie jaar afhankelijk van het bereiken van vooraf vastgelegde prestatiedoelstellingen. De prestatiedoelstellingen werden vastgelegd door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de Groep.
In het kader van het in geldmiddelen afgewikkelde prestatieaandelenplan werd op 21 december 2017 een aanbod van 10 900 prestatieaandeeleenheden gedaan (2016: 13 100). De aangeboden eenheden vertegenwoordigen een reële waarde van € 0.5 miljoen (2016: € 0,6 miljoen).
Deze prestatieaandeeleenheden worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen').
Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 36,45 (2016: € 38,49), verwachte volatiliteit van 39% (2016: 39%), een verwacht dividend van 3,0% (2016: 3,0%), een wachtperiode van 3 jaar en een uitstroom van personeel van 4% (2016: 4%). De input voor de risicovrije rentevoet varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO's met een vergelijkbare looptijd als de bewuste toekenning van prestatieaandeeleenheden.
De reële waardes van de uitstaande prestatieaandeeleenheden per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:
| Details van prestatieaandeeleenheden per toekenning in € |
Reële waarde per 31 dec 2016 |
Reële waarde per 31 dec 2017 |
|---|---|---|
| Toekenning 2015 | 73,63 | 71,18 |
| Toekenning 2016 | 47,93 | 39,40 |
| Toekenning 2017 1 | - | 44,45 |
1 De reële waarde van deze toekenning werd bepaald op toekenningsdatum. Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.
Op 31 december 2017 bedroeg de totale verplichting voor de VS-prestatieaandeeleenheden € 0,3 miljoen (2016: € 0,1 miljoen), terwijl de totale verplichting voor de andere prestatieaandeeleenheden € 0,5 miljoen (2016: € 0,2 miljoen) bedroeg.
De Groep nam een totale last van € 0,5 miljoen (2016: € 0,3 miljoen) op tijdens het jaar in verband met prestatieaandeeleenheden.
Kortetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op verplichtingen voor verloning en sociale zekerheid die volledig betaalbaar zijn binnen de 12 maanden na het einde van de periode waarin werknemers de gerelateerde prestaties verrichten.
| Herstruc | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | turering | Geschillen | Milieu | Overige | Totaal |
| Per 1 januari 2017 | 8 853 | 12 107 | 30 248 | 29 619 | 80 827 |
| Bijkomende voorzieningen | 531 | 2 802 | 2 327 | 2 078 | 7 738 |
| Terugnemingen ongebruikte bedragen | -215 | -4 611 | -2 309 | -11 343 | -18 478 |
| Toename in contante waarde | - | 88 | - | 2 228 | 2 316 |
| Opgenomen in de winst-en | |||||
| verliesrekening | 316 | -1 721 | 18 | -7 037 | -8 424 |
| Uit consolidatie genomen | - | -2 972 | - | -3 125 | -6 097 |
| Herclassificering als (-) / uit aangehouden | |||||
| voor verkoop | - | 3 098 | - | 3 345 | 6 443 |
| Aanwendingen van het jaar | -6 553 | -2 451 | -496 | -5 070 | -14 570 |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | -221 | -682 | -179 | -1 842 | -2 924 |
| Per 31 december 2017 | 2 395 | 7 379 | 29 591 | 15 890 | 55 255 |
| Waarvan | |||||
| op ten hoogste een jaar | 1 878 | 2 858 | 3 353 | 1 092 | 9 181 |
| op meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | 517 | 4 521 | 9 318 | 9 119 | 23 475 |
| op meer dan vijf jaar | - | - | 16 920 | 5 679 | 22 599 |
De voortgezette uitvoering van eerder aangekondigde herstructureringsprogramma's verklaart de aanwendingen van deze voorzieningen.
Voorzieningen voor geschillen houden in hoofdzaak verband met productkwaliteitsklachten en productgaranties in meerdere entiteiten.
Milieuvoorzieningen hebben voornamelijk betrekking op vestigingen in EMEA. De verwachte bodemsaneringskosten worden elk jaar opnieuw geschat, gebaseerd op een evaluatie door een extern expert. Het is onzeker wanneer de kosten zullen worden gemaakt, want dit hangt vaak af van beslissingen inzake de bestemming van de sites.
De daling van de overige voorzieningen heeft voornamelijk betrekking op het wegvallen van de verplichtingen onder een bezwaarlijk leveringscontract waarvoor een voorziening werd geboekt als onderdeel van de toewijzing van de aankoopprijs op het moment van acquisitie.
Herclassificering uit aangehouden voor verkoop en uit consolidatie genomen hebben betrekking op ArcelorMittal Sumaré Ltda (Brazilië), een voormalige dochteronderneming waarin Bekaert op 21 juni 2017 55,5% verkocht aan ArcelorMittal.
De volgende tabel toont een analyse van de nettoboekwaarde van de rentedragende schulden van de Groep, per contractuele vervaldatum:
| over meer | Vervallend | |||
|---|---|---|---|---|
| 2017 | Vervallend | dan 1 en ten | over meer | |
| in duizend € | binnen het jaar | hoogste 5 jaar | dan 5 jaar | Totaal |
| Rentedragende schulden | ||||
| Financiële leasing | 582 | 2 564 | - | 3 146 |
| Kredietinstellingen | 353 819 | 423 699 | 172 106 | 949 624 |
| Obligatieleningen | 100 000 | 240 614 | - | 340 614 |
| Converteerbare obligatieleningen | - | 341 364 | - | 341 364 |
| Totaal financiële schulden | 454 401 | 1 008 241 | 172 106 | 1 634 748 |
| 2016 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Rentedragende schulden | ||||
| Financiële leasing | 635 | 3 220 | - | 3 855 |
| Kredietinstellingen | 295 390 | 257 184 | 229 341 | 781 915 |
| Obligatieleningen | 1 890 | 340 614 | - | 342 504 |
| Converteerbare obligatieleningen | - | 330 951 | - | 330 951 |
| Totaal financiële schulden | 297 915 | 931 969 | 229 341 | 1 459 225 |
Een analyse van de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen van de Groep wordt voorgesteld in toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'. De stijging van de totale financiële schulden is hoofdzakelijk het gevolg van drie nieuwe langlopende bilaterale bankleningen aangegaan in de tweede helft van 2017 voor een totaal van € 125 miljoen. Als gevolg hiervan heeft de Groep op jaareinde geen actief gebruik gemaakt van kortetermijnkredietfaciliteiten (commercial paper programma, toegezegde en niet-toegezegde kredietfaciliteiten).
In principe gaan entiteiten van de Groep leningen aan in hun lokale valuta om valutarisico's te vermijden. Als de financiering in een andere valuta gebeurt, zonder enige compenserende balanspositie, dekken de entiteiten het valutarisico af door middel van derivaten (cross-currency interest-rate swaps of termijnwisselcontracten). Obligatieleningen, commercial paper en schulden tegenover kredietinstellingen zijn niet gewaarborgd, met uitzondering van een factoring-programma dat opgezet is met KBC en BNP Paribas Fortis.
Voor meer informatie over het beheer van financiële risico's verwijzen wij naar toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
De nettoschuld houdt geen rekening met het derivaat dat de in de converteerbare obligatielening besloten conversieoptie vertegenwoordigt (€ 17,6 miljoen tegenover € 35,2 miljoen in 2016) (zie toelichting 6.18. 'Overige verplichtingen op meer dan een jaar'). De volgende tabel geeft een overzicht van de berekening van de nettoschuld.
| 2016 in duizend € |
2017 |
|---|---|
| 1 161 310 Rentedragende schulden op meer dan een jaar |
1 180 347 |
| 297 915 Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar |
454 401 |
| Totaal financiële schulden 1 459 225 |
1 634 748 |
| -6 664 Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar |
-6 259 |
| -13 991 Leningen op ten hoogste een jaar |
-8 447 |
| Geldbeleggingen -5 342 |
-50 406 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten -365 546 |
-418 779 |
| Nettoschuld 1 067 683 |
1 150 857 |
Om tegemoet te komen aan de toelichtingsvereisten van de gewijzigde standaard IAS 7 'Het kasstroomoverzicht' toont deze sectie een overzicht van de wijzigingen in verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten. De opdeling in langetermijnschulden en kortetermijnschulden is gebaseerd op de initiële looptijd van de schuld. In het geconsolideerd kasstroomoverzicht worden de kasstromen met betrekking tot rentedragende langetermijnschulden opgedeeld in inkomsten en aflossingen. Overnames en afstotingen in 2016 hebben betrekking op de BBRG-bedrijfscombinatie en op de verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop bij Bekaert Sumaré Ltda (Brazilië); de geringe bedragen in 2017 hebben betrekking op de afstoting van het meerderheidsbelang in Bekaert Sumaré Ltda (intussen hernoemd tot ArcelorMittal Sumaré Ltda), zie toelichting 7.2. 'Effect van afgestoten activiteiten'. Overige wijzigingen in financiële schulden houden voornamelijk verband met opgelopen rente, met inbegrip van afschrijvingen op verplichtingen via de effectieverentemethode, en herclassificeringen. Derivaten aangehouden ter afdekking van financiële schulden omvatten swaps en opties die zorgen voor een (economische) afdekking van renterisico's, zie toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'. De overige wijzigingen in het conversiederivaat in 2016 hebben betrekking op de uitwisseling van de bestaande converteerbare obligaties.
| Niet-kasstromen | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | Per 1 januari 2016 |
Kasstromen | Overnames en afstotingen |
Gecumuleerde omrekenings verschillen |
Reëlewaarde wijzigingen |
Overige wijzigingen |
Per 31 december 2016 |
| Financiële schulden | |||||||
| Langetermijn schulden |
1 080 522 | -203 182 | 238 765 | 41 893 | - | 21 665 | 1 179 663 1 |
| Financiële | |||||||
| leasing | 3 764 | -193 | - | 210 | - | 74 | 3 855 |
| Krediet | |||||||
| instellingen | 245 718 | -39 124 | 238 765 | 41 683 | - | 15 311 | 502 353 |
| Obligatie | |||||||
| leningen | 546 820 | -205 000 | - | - | - | 684 | 342 504 |
| Converteerb are obligatie |
|||||||
| leningen | 284 220 | 41 135 | - | - | - | 5 596 | 330 951 |
| Kortetermijn schulden |
212 818 | -5 567 | 35 857 | 52 616 | - | -16 162 | 279 562 |
| Totaal financiële | |||||||
| schulden | 1 293 340 | -208 749 | 274 622 | 94 509 | - | 5 503 | 1 459 225 |
| aangehouden ter | |||||||
| afdekking van | |||||||
| financiële schulden | |||||||
| Interest-rate | |||||||
| swaps | - | - | - | - | 436 | - | 436 |
| Cross-currency interest-rate |
|||||||
| swaps | 5 967 | - | - | 195 | -460 | - | 5 702 |
| Renteopties | - | - | - | - | 19 | - | 19 |
| Overige verplichtingen | |||||||
| uit | |||||||
| financieringsactiviteiten | |||||||
| Put-opties op minderheids |
|||||||
| belangen | 8 559 | - | - | - | 287 | - | 8 846 |
| Conversiederivaat | 5 825 | - | - | - | 37 442 | -8 060 | 35 207 |
| Totaal verplichtingen uit financierings |
|||||||
| activiteiten | 1 313 691 | -208 749 | 274 622 | 94 704 | 37 724 | -2 557 | 1 509 435 |
1 inclusief het deel van de schulden op meer dan een jaar dat binnen het jaar vervalt, nl. € 288,4 miljoen per 1 januari en € 18,4 miljoen per 31 december
| Gecumuleerde | Per 31 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari | Overnames en | omrekenings | Reëlewaarde | Overige | december | ||
| in duizend € | 2017 | Kasstromen | afstotingen | verschillen | wijzigingen | wijzigingen | 2017 |
| Financiële schulden | |||||||
| Langetermijn | |||||||
| schulden | 1 179 663 | 149 445 | 406 | -19 926 | - | 23 039 | 1 332 628 1 |
| Financiële | |||||||
| leasing | 3 855 | -629 | - | -334 | - | 254 | 3 146 |
| Krediet instellingen |
502 353 | 150 075 | 406 | -19 592 | - | 14 262 | 647 503 |
| Obligatie | |||||||
| leningen | 342 504 | - | - | - | - | -1 890 | 340 614 |
| Converteerb are obligatie |
|||||||
| leningen | 330 951 | - | - | - | - | 10 413 | 341 364 |
| Kortetermijn | |||||||
| schulden | 279 562 | 69 629 | 2 | -29 874 | - | -17 199 | 302 121 |
| Totaal financiële | |||||||
| schulden | 1 459 225 | 219 074 | 408 | -49 800 | - | 5 840 | 1 634 748 |
| aangehouden ter | |||||||
| afdekking van | |||||||
| financiële schulden | |||||||
| Interest-rate | |||||||
| swaps | 436 | - | - | - | 4 | - | 440 |
| Cross-currency | |||||||
| interest-rate | 5 702 | 15 | - | -20 | -10 602 | - | -4 905 |
| swaps | |||||||
| Renteopties Overige verplichtingen |
19 | - | - | - | 5 | - | 24 |
| uit | |||||||
| financieringsactiviteiten | |||||||
| Put-opties op | |||||||
| minderheids | |||||||
| belangen | 8 846 | - | - | - | 287 | - | 9 133 |
| Conversiederivaat | 35 207 | - | - | - | -17 662 | - | 17 545 |
| Totaal verplichtingen | |||||||
| uit financierings | |||||||
| activiteiten | 1 509 435 | 219 090 | 408 | -49 820 | -27 967 | 5 840 | 1 656 986 |
Niet-kasstromen
1 Inclusief het deel van de schulden op meer dan een jaar dat binnen het jaar vervalt, nl. € 18,4 miljoen per 1 januari en € 152,3 miljoen per 31 december
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Overige schulden op meer dan een jaar | 518 | 153 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 44 355 | 26 968 |
| Totaal | 44 873 | 27 121 |
De derivaten hebben betrekking op het financieel instrument (€ 17,6 miljoen (2016: € 35,2 miljoen)) dat besloten zit in de converteerbare obligatielening (zie toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden' en 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten') en de put-optie (€ 9,1 miljoen (2016: € 8,8 miljoen)) op een minderheidsbelang in een deelneming.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Overige verplichtingen | 7 322 | 10 394 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 7 767 | 6 525 |
| Ontvangen voorschotten | 12 733 | 10 746 |
| Overige belastingen | 26 862 | 26 312 |
| Overlopende rekeningen (passief) | 7 156 | 8 406 |
| Totaal | 61 840 | 62 382 |
De derivaten bevatten voornamelijk termijnwisselcontracten (€ 6,5 miljoen (2016: € 1,5 miljoen)) en CCIRSs (enkel in 2016: € 6,3 miljoen). Overige belastingen hebben in hoofdzaak betrekking op BTW, afhoudingen op lonen en wedden en andere niet-winstgebaseerde belastingen.
| Samenvatting | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| EBIT | 259 654 | 318 062 |
| Posten zonder kasstroomeffect opnieuw bijgeteld bij EBIT | 221 779 | 191 541 |
| EBITDA | 481 433 | 509 603 |
| Overige brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | -105 770 | -153 304 |
| Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 375 663 | 356 299 |
| Wijzigingen in operationeel werkkapitaal | 16 336 | -109 544 |
| Overige bedrijfskasstromen | 7 553 | -2 609 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 399 552 | 244 146 |
| Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten | -99 986 | -226 266 |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten | -302 055 | 47 191 |
| Toename of afname in geldmiddelen en kasequivalenten | -2 489 | 65 071 |
Het overzicht van de kasstromen uit bedrijfsactiviteiten is opgesteld volgens de indirecte methode, terwijl de directe methode gevolgd werd voor de kasstromen uit andere activiteiten. De directe methode is gericht op het classificeren van brutokasinstromen en brutokasuitstromen per categorie.
| Details van geselecteerde bedrijfskasstromen | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat | ||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen 1 | 203 917 | 194 952 |
| Bijzondere waardeverminderingen op activa | 17 862 | -3 411 |
| Posten zonder kasstroomeffect opnieuw bijgeteld bij EBIT | 221 779 | 191 541 |
| Winst (-) of verlies op weerhouden belangen in afgestoten activiteiten | - | -14 552 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte | ||
| bedragen | 15 606 | 13 318 |
| Overige voorzieningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte bedragen | 14 393 | -10 740 |
| CTA overgeboekt naar resultaat bij afgestoten activiteiten | - | 6 895 |
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 4 449 | 5 126 |
| Overige posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat | 34 448 | 47 |
| Totaal | 256 227 | 191 588 |
| Investeringsposten verwerkt in bedrijfsresultaat | ||
| Winst (-) of verlies bij verkoop van activiteiten | - | -18 149 |
| Winst (-) of verlies bij verkoop van immateriële en materiële vaste activa | 1 034 | 1 955 |
| Totaal | 1 034 | -16 194 |
| Terugname gebruikte bedragen op voorzieningen voor personeelsbeloningen en | ||
| overige voorzieningen | ||
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen: gebruikte bedragen | -37 242 | -35 528 |
| Overige voorzieningen: gebruikte bedragen | -7 622 | -14 570 |
| Totaal | -44 864 | -50 098 |
| Betaalde winstbelastingen | ||
| Verschuldigde winstbelastingen | -93 004 | -69 286 |
| Toename of afname (-) in nettoverplichtingen m.b.t. winstbelastingen | -3 384 | -17 773 |
| Totaal | -96 388 | -87 059 |
| Overige bedrijfskasstromen | ||
| Bewegingen in overige vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar | 6 321 | -2 101 |
| Overige | 1 232 | -508 |
| Totaal | 7 553 | -2 609 |
1 Inclusief € -1,2 miljoen (2015: € 8,3 miljoen) afwaarderingen / (terugnames van afwaarderingen) op voorraden en handelsvorderingen (zie toelichting 6.7. 'Operationeel werkkapitaal').
Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten daalden met € 19,4 miljoen als gevolg van betere operationele prestaties (€ +28,2 miljoen EBITDA) en lagere kasuitstromen voor winstbelastingen (€ +9,3 miljoen), die meer dan tenietgedaan werden door lagere toevoegingen voor overige posten zonder kasstroomeffect (€ -34,4 miljoen, voornamelijk voorzieningen en effecten van de afstoting van Sumaré), investeringsposten (€ -17,2 miljoen) en toegenomen uitgaven op voorzieningen (€ -5,2 miljoen). De winst op weerhouden belangen in afgestoten activiteiten in 2017 heeft betrekking op het verlies van de zeggenschap in ArcelorMittal Sumaré Ltda (zie toelichting 7.2. 'Effect van afgestoten activiteiten').
Investeringsposten in 2017 omvatten voornamelijk de cash-winst op de afstoting van Sumaré.
Toenames in werkkapitaal gevoed door omzetstijgingen zorgden voor kasuitstromen ten belope van € 109,5 miljoen in 2017, in tegenstelling tot 2016 toen afnames resulteerden in kasinstromen van € 16,3 miljoen (zie organische toename of afname in toelichting 6.7. 'Operationeel werkkapitaal'). Overige bedrijfskasstromen hebben voornamelijk te maken met verschuivingen in overige vorderingen en verplichtingen die niet vervat zitten in het werkkapitaal en geen verband houden met investerings- of financieringsactiviteiten.
Betaalde winstbelastingen waren € 9,3 miljoen lager dan in 2016. Er werden vooral minder belastingen betaald in België (€ 11,8 miljoen), Chili (€ 3,5 miljoen) en Italië (€ 1,0 miljoen), terwijl er meer belastingen betaald werden in China (€ 5,2 miljoen) en Spanje (€ 4,1 miljoen).
Het bedrag m.b.t. 'nieuwe bedrijfscombinaties' in 2016 slaat op de verworven geldmiddelen bij de totstandkoming van de Bridon-Bekaert Ropes Group. 'Andere verwervingen van deelnemingen' in 2017 omvat voornamelijk de betaalde nettovergoeding voor de verwerving van het 50%-minderheidsbelang in Bekaert (Chongqing) Steelcord Co Ltd, terwijl de ontvangen nettovergoeding voor de afstoting van ArcelorMittal Sumaré Ltda getoond wordt onder 'Inkomsten uit verkoop van deelnemingen' (zie toelichting 7.2. 'Effect van afgestoten activiteiten'). Investeringen in materiële vaste activa werden opgevoerd van € 158,5 miljoen in 2016 tot € 272,7 miljoen in 2017.
Volgende tabel verschaft meer details in verband met welbepaalde investeringskasstromen:
| in duizend € 2016 |
2017 |
|---|---|
| Overige portfolio-investeringen | |
| Aankoop van minderheidsbelangen van Ansteel (China) - |
-17 020 |
| Overige investeringen -41 |
-342 |
| Totaal -41 |
-17 362 |
| Overige investeringskasstromen | |
| Inkomsten uit verkoop van immateriële activa 14 |
148 |
| Inkomsten uit verkoop van materiële vaste activa 1 172 |
1 256 |
| Totaal 1 186 |
1 404 |
Details van geselecteerde investeringskasstromen
Overige investeringskasstromen zoals opbrengsten uit verkoop van materiële vaste activa waren eerder onbeduidend zowel in 2016 als in 2017.
Inkomsten uit rentedragende langetermijnschulden (€ 179,3 miljoen) slaan vooral op financieringstransacties in België, China en Chili (2016: € 172,1 miljoen, voornamelijk in België, China en Australië). De uitgifte van een converteerbare obligatielening van € 380 miljoen in 2016 bracht netto € 114,6 miljoen op, terwijl het resterende bedrag besteed werd aan de inruil van bestaande converteerbare obligaties. Aflossing van rentedragende langetermijnschulden (€ -29,8 miljoen) hield voornamelijk verband met de financiering van BBRG (€ -12,3 miljoen), leningen in China (€ -8,4 miljoen) en Turkije (€ -6,0 miljoen). De aflossingen van vorig jaar (€ -375,3 miljoen) hadden vooral betrekking op een vervallende Eurobond van € 205,0 miljoen, een bedrag van € 84,3 miljoen voor de afwikkeling van de bestaande converteerbare obligatielening door NV Bekaert SA en andere terugbetalingen in China (€ -66,8 miljoen) en Latijns-Amerika (€ -12,9 miljoen). Kasinstromen uit kortetermijnschulden beliepen € 69,6 miljoen in 2017, terwijl kortetermijnschulden in 2016 licht afnamen (€ -5,6 miljoen). Voor een overzicht van de bewegingen in verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten, zie toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden'.
Transacties in eigen aandelen in 2017 (€ 4,0 miljoen tegenover € 7,5 miljoen in 2016) omvatten terugkopen van aandelen (€ -6,3 miljoen tegenover € -1,1 miljoen in 2016) en inkomsten uit de uitoefening van aandelenopties (€ 10,3 miljoen tegenover € 8,6 miljoen in 2016).
Volgende tabel verschaft meer details in verband met welbepaalde financieringskasstromen:
| Details van geselecteerde financieringskasstromen | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Overige financieringsstromen | ||
| Nieuwe aandelen uitgegeven voor uitgeoefende warrants | 5 365 | 762 |
| Bijdrage van minderheidsaandeelhouders in kapitaalverhogingen | - | 9 870 |
| Toename (-) of afname van kort- en langlopende leningen en financiële vorderingen | 17 138 | 9 097 |
| Toename (-) of afname van financiële activa op ten hoogste een jaar | 4 148 | -45 218 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | -3 458 | -3 427 |
| Totaal | 23 193 | -28 916 |
Ontvangsten uit overige financieringskasstromen waren het gevolg van kapitaalverhogingen in de moedervennootschap (€ 0,8 miljoen tegenover € 5,4 miljoen in 2016), kapitaalinjecties door de Chinese partner in Bekaert (Jining) Steelcord Co Ltd en netto-ontvangsten uit leningen en financiële vorderingen (€ 9,1 miljoen tegenover € 17,1 miljoen in 2016). Laatstgenoemde bedragen hebben voornamelijk betrekking op terugbetalingen door de Xinyu-entiteiten waarin Bekaert sinds 2015 geen invloed van betekenis meer heeft. Nettobeleggingen in kortetermijndeposito's bedroegen € 45,2 miljoen (2016: nettoverkopen van € -4,1 miljoen), waarvan € 50 miljoen door Bekaert Coördinatiecentrum. Overige financiële opbrengsten en lasten omvatten in hoofdzaak belastingen en bankkosten op financiële transacties (€ -2,9 miljoen tegenover € -2,5 miljoen in 2016).
Op 21 juni 2017 hebben Bekaert en ArcelorMittal de transactie afgerond over de integratie van Bekaerts voormalige volle dochteronderneming in Sumaré (Brazilië) binnen het BMB (Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda) partnerschap. In lijn met de aandeelhoudersstructuur van de BMB joint venture is ArcelorMittal meerderheidsaandeelhouder geworden (55,5%) van de staalkoordvestiging in Sumaré en behoudt Bekaert de resterende aandelen (44,5%). Met deze transactie breiden Bekaert en ArcelorMittal hun partnerschap in Brazilië verder uit met als doel de operationele schaalgrootte en technologische competenties van de staalkoord business in het land optimaal te benutten, ten voordele van de klanten.
De omzet van de vestiging in Sumaré bedroeg € 41 miljoen in de eerste jaarhelft van 2017, goed voor een nettoresultaat van ongeveer € 6 miljoen. Vanaf 1 juli 2017 wordt de vennootschap - die werd hernoemd tot ArcelorMittal Bekaert Sumaré Ltda – verwerkt volgens de equity-methode: 44,5% van het nettoresultaat van de vennootschap wordt voorgesteld als 'aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen'.
Onder IFRS wordt de transactie verwerkt in twee stappen: (1) de afstoting van Bekaerts volle belang (100% van de aandelen) in Bekaert Sumaré Ltda; en (2) de overname van 44,5% van de aandelen van de afgestoten vennootschap tegen reële waarde. De tweede stap vereist een reële waardering van de overgenomen nettoactiva met het oog op de bepaling van de goodwill die ontstaat uit de transactie. De transactie resulteert in de boeking van een goodwill ten bedrage van € 2,7 miljoen (zie toelichting 6.2. 'Goodwill'). Dit bedrag wordt voorgesteld als deel van de deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Vanuit boekhoudkundig oogpunt zijn de activa en verplichtingen op jaareinde 2016 geherclassificeerd als aangehouden voor verkoop en waren op het moment van de afstoting nog steeds in die zin geclassificeerd. Om analytische redenen zijn ze evenwel opnieuw geherclassificeerd van aangehouden voor verkoop naar de originele balansrubrieken in de openingsbalans van 2017 en, aangepast met alle daaropvolgende bewegingen tot op het moment van de afstoting, voorgesteld als 'uit consolidatie genomen' omgerekend tegen de gemiddelde wisselkoers in de betrokken toelichtingen onder 6. 'Balanselementen'.
| in duizend € | Totaal afstotingen |
|---|---|
| Immateriële vaste activa | 870 |
| Materiële vaste activa | 32 751 |
| Overige vaste activa | 5 393 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 2 003 |
| Voorraden | 9 544 |
| Handelsvorderingen | 28 501 |
| Betaalde voorschotten | 278 |
| Overige vorderingen | 6 861 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 14 014 |
| Overige vlottende activa | 150 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | -85 |
| Overige voorzieningen | -6 097 |
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | -503 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -6 926 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | -306 |
| Handelsschulden | -9 750 |
| Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar | -2 057 |
| Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen | -4 373 |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | -1 689 |
| Totaal afgestoten nettoactiva | 68 579 |
| Winst bij verkoop van activiteiten (verkochte belangen) | 18 148 |
| Winst bij verkoop van activiteiten (weerhouden | |
| belangen) | 14 552 |
| Reële waarde van de weerhouden participatie | -45 069 |
| Afgestane geldmiddelen | -14 014 |
| Uitgestelde betalingen | -4 600 |
| Inkomsten uit verkoop van deelnemingen | 37 596 |
De Groep is blootgesteld aan risico's als gevolg van bewegingen in wisselkoersen, rentevoeten en marktprijzen die haar activa en verplichtingen beïnvloeden. Het financieel risicobeheer van de Groep heeft tot doel om de effecten van deze marktrisico's als gevolg van haar operationele en financiële activiteiten te beperken. Naargelang het ingeschatte risico worden daartoe welbepaalde derivaten als afdekkingsinstrumenten ingezet. De Groep dekt voornamelijk risico's af die de kasstromen beïnvloeden. Derivaten worden enkel gebruikt als afdekkingsinstrument en niet voor handels- of speculatieve doeleinden. Om het kredietrisico te beperken, worden afdekkingstransacties over het algemeen enkel aangegaan met financiële instellingen die tenminste een A-kredietscore hebben.
De richtlijnen en principes van het financieel risicobeheer van Bekaert worden vastgelegd door het Audit en Finance Comité en gecontroleerd door de Raad van Bestuur van de Groep. De Groepsdienst Thesaurie is verantwoordelijk voor de implementatie van het financieel risicobeleid. Dit houdt in dat gepaste richtlijnen worden gedefinieerd en effectieve controle- en verslaggevingsprocedures worden opgezet. Het Audit en Finance Comité wordt geregeld geïnformeerd over de blootstelling aan valuta- en renterisico's.
Het valutarisico van de Groep kan opgedeeld worden in twee categorieën: valutatranslatierisico en valutatransactierisico.
Een valutatranslatierisico ontstaat wanneer de financiële gegevens van buitenlandse dochterondernemingen omgezet worden naar de presentatievaluta van de Groep, de euro. De voornaamste valuta's zijn de Chinese renminbi, de US dollar, de Tsjechische kroon, de Braziliaanse real, de Chileense peso, de Russische roebel, de Indische roepie en de pond sterling. Aangezien er geen kasstroomeffect is, dekt de Groep dit risico gewoonlijk niet af.
De Groep is blootgesteld aan valutatransactierisico's die voortvloeien uit haar investerings-, financierings- en bedrijfsactiviteiten.
Valutarisico's op het vlak van investeringen ontstaan uit de overname of de verkoop van deelnemingen in buitenlandse vennootschappen, en soms ook uit te ontvangen dividenden vanuit buitenlandse deelnemingen. Indien materieel geacht, worden deze risico's afgedekt door middel van termijnwisselcontracten.
Valutarisico's op het vlak van financiering ontstaan uit financiële verplichtingen in vreemde valuta's. De Groepsdienst Thesaurie dekt deze risico's af en maakt hiervoor gebruik van cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om financiële verplichtingen in vreemde valuta's om te zetten naar de functionele valuta van de betrokken entiteit. Op de verslagdatum bestonden de verplichtingen in vreemde valuta waarvoor het valutarisico werd afgedekt voornamelijk uit intragroepsleningen in euro en US dollar.
Valutarisico's in het kader van bedrijfsactiviteiten vloeien voort uit commerciële activiteiten met aan- en verkopen in vreemde valuta, alsook betalingen en ontvangsten van royalty's. De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om het valutarisico op de verwachte kasinstromen en kasuitstromen voor de volgende drie maanden te beperken. Belangrijke blootstellingen en vaststaande toezeggingen buiten dit tijdskader kunnen ook afgedekt worden.
De redelijkerwijs mogelijke schommelingen die gebruikt worden in deze berekening, zijn gebaseerd op de volatiliteit op jaarbasis met betrekking tot de dagelijkse wisselkoersbewegingen gedurende de verslagperiode, met een betrouwbaarheidsinterval van 95%.
Volgende tabel geeft een samenvatting van de nettoposities van de Groep voor de belangrijkste valutaparen met betrekking tot bedrijfs-, investerings- en financiële vorderingen en schulden in vreemde valuta op de verslagdatum. De nettoposities van de valuta zijn vóór eliminaties van intragroepsverrichtingen. Een positief bedrag betekent dat de Groep een nettovordering heeft in de eerste valuta. In de tabel vertegenwoordigt de kolom 'Totaal risico' de balanspositie, terwijl de kolom 'Totaal derivaten' alle derivaten omvat ter afdekking van zowel de balanspositie als de verwachte transacties.
| Valutapaar - 2017 | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | Totaal risico | Totaal derivaten | Nettopositie |
| AUD/USD | 9 200 | -3 579 | 5 621 |
| CZK/EUR | 5 220 | -666 | 4 554 |
| EUR/BRL | -13 726 | - | -13 726 |
| EUR/CAD | -6 907 | 13 | -6 894 |
| EUR/CNY | -69 459 | 33 310 | -36 149 |
| EUR/GBP | -12 990 | -2 870 | -15 860 |
| EUR/MYR | -18 544 | - | -18 544 |
| EUR/RON | -25 120 | 19 320 | -5 801 |
| EUR/USD | -5 952 | - | -5 952 |
| HKD/EUR | -6 720 | - | -6 720 |
| IDR/USD | 8 609 | - | 8 609 |
| JPY/CNY | 4 514 | -741 | 3 774 |
| JPY/EUR | -84 | -1 668 | -1 752 |
| NOK/GBP | 3 670 | - | 3 670 |
| NZD/USD | -10 110 | -839 | -10 949 |
| RUB/EUR | 27 902 | -24 499 | 3 403 |
| TRY/EUR | 15 992 | - | 15 992 |
| USD/BRL | -10 416 | - | -10 416 |
| USD/CAD | 230 | - | 230 |
| USD/CLP | 7 738 | - | 7 738 |
| USD/CNY | -70 962 | 93 473 | 22 512 |
| USD/COP | -11 634 | 15 739 | 4 105 |
| USD/EUR | 248 150 | -219 010 | 29 140 |
| USD/GBP | 87 698 | -3 550 | 84 148 |
| USD/INR | -84 082 | 52 265 | -31 817 |
| USD/PEN | 4 269 | - | 4 269 |
| USD/SGD | -21 807 | - | -21 807 |
| in duizend € | Totaal risico | Totaal derivaten | Nettopositie |
|---|---|---|---|
| AUD/USD | 3 716 | -3 634 | 81 |
| EUR/BRL | -13 670 | - | -13 670 |
| EUR/CAD | -14 223 | - | -14 223 |
| EUR/CNY | -103 187 | 34 138 | -69 049 |
| EUR/GBP | 25 170 | -2 150 | 23 020 |
| EUR/USD | -7 488 | - | -7 488 |
| IDR/USD | 8 616 | - | 8 616 |
| JPY/CNY | 5 076 | -4 449 | 627 |
| NZD/GBP | -9 605 | - | -9 605 |
| RUB/EUR | 21 649 | -21 650 | -1 |
| TRY/EUR | 14 256 | - | 14 256 |
| USD/CAD | 14 923 | - | 14 923 |
| USD/CLP | 8 510 | - | 8 510 |
| USD/CNY | -163 998 | 149 531 | -14 467 |
| USD/COP | -9 854 | 14 153 | 4 299 |
| USD/EUR | 236 431 | -314 559 | -78 128 |
| USD/GBP | 94 265 | -11 861 | 82 404 |
| USD/INR | -46 915 | 33 522 | -13 393 |
| USD/SGD | -25 675 | - | -25 675 |
Indien de valuta's verzwakt of versterkt waren met de redelijkerwijs mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou het perioderesultaat vóór belastingen € 3,8 miljoen (2016: € 2,7 miljoen) lager respectievelijk hoger geweest zijn.
Per 31 december 2017 maakt de Groep slechts in een beperkt aantal gevallen gebruik van hedge accounting, met name in Bridon International Ltd (UK) waar het valutarisico gelinkt aan operationele kasstromen wordt afgedekt door termijnwisselcontracten aangemerkt als kasstroomafdekkingen. De voornaamste valutarisico's die worden afgedekt zijn EUR/GBP en USD/GBP. Indien de GBP verzwakt of versterkt was met de redelijkerwijs mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou de afdekkingsreserve € 0,9 miljoen hoger respectievelijk lager geweest zijn op jaareinde 2017 (2016: € 2,5 miljoen).
De Groep is onderworpen aan renterisico en dit voornamelijk op schulden in US dollar, Chinese renminbi en euro. Om het effect van rentevoetfluctuaties in de betrokken regio's te minimaliseren, wordt het renterisico op de nettoschuld uitgedrukt in deze valuta's afzonderlijk beheerd. De volgende algemene richtlijnen worden toegepast om het renterisico af te dekken:
De Groepsdienst Thesaurie gebruikt interest-rate swaps en cross-currency interest-rate swaps om ervoor te zorgen dat de vaste/ variabele renteverhouding van langlopende schulden binnen de limieten blijft.
Het volgende overzicht toont de gewogen gemiddelde rentevoeten op balansdatum.
De converteerbare obligatielening en de leningen gelinkt aan de Bridon fusie (hoofdzakelijk lening A en B; zie overzicht Totale Schuld BBRG onder 'Liquiditeitsrisico') worden aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode wat resulteert in de spreiding van de conversieoptie en de transactiekosten over de duur van de verplichting via de rentelasten. Bijgevolg zullen de effectieve rentelasten hoger zijn dan de nominale rentelasten.
| Lange termijn | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | Korte | |||
| 2017 | rentevoet | rentevoet | Totaal | termijn | Totaal |
| US dollar | 9,26% | 4,72% | 5,64% | 3,00% | 3,72% |
| Chinese renminbi | 6,00% | 4,71% | 5,34% | 4,57% | 4,82% |
| Euro | 2,60% | 6,23% | 3,20% | 2,44% | 3,19% |
| Overige | 8,54% | - | 8,54% | 4,10% | 5,59% |
| Totaal | 3,12% | 5,63% | 3,71% | 2,99% | 3,57% |
| Lange termijn | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | Korte | |||
| 2016 | rentevoet | rentevoet | Totaal | termijn | Totaal |
| US dollar | 10,60% | 4,45% | 5,54% | 1,81% | 2,65% |
| Chinese renminbi | 6,00% | - | 6,00% | 3,38% | 5,38% |
| Euro | 2,78% | 6,20% | 3,42% | 0,43% | 3,27% |
| Overige | 7,74% | - | 7,74% | 5,14% | 5,82% |
| Totaal | 3,21% | 5,61% | 3,79% | 2,28% | 3,30% |
Zoals vermeld in toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden' bedroeg de totale financiële schuld van de Groep € 1 634,8 miljoen op 31 december 2017 (2016: € 1 459,2 miljoen). De volgende tabel toont het valuta- en renteprofiel, d.i. de procentuele verdeling van de totale financiële schuld per valuta en per type van rentevoet (vast, vlottend).
| Valuta- en renteprofiel | Lange termijn | Korte termijn | ||
|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | vlottende | ||
| 2017 | rentevoet | rentevoet | rentevoet | Totaal |
| US dollar | 1,30% | 5,40% | 18,20% | 24,90% |
| Chinese renminbi | 0,60% | 0,70% | 2,90% | 4,20% |
| Euro | 52,60% | 10,30% | 0,50% | 63,40% |
| Overige | 2,60% | - | 4,90% | 7,50% |
| Totaal | 57,10% | 16,40% | 26,50% | 100,00% |
| Valuta- en renteprofiel | Lange termijn | Korte termijn | ||
|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | vlottende | ||
| 2016 | rentevoet | rentevoet | rentevoet | Totaal |
| US dollar | 1,20% | 5,50% | 23,20% | 29,90% |
| Chinese renminbi | 0,70% | - | 0,20% | 0,90% |
| Euro | 47,40% | 10,90% | 3,10% | 61,40% |
| Overige | 2,00% | - | 5,80% | 7,80% |
| Totaal | 51,30% | 16,40% | 32,30% | 100,00% |
De volgende tabel toont voor de belangrijkste valuta's de redelijkerwijs mogelijke schommelingen met een 95%-betrouwbaarheidsinterval; de cijfers zijn gebaseerd op de volatiliteit op jaarbasis van de dagelijkse noteringen van de Interbank Offered Rate op 3 maanden in 2017 en 2016.
| Rentevoet per | Redelijkerwijs mogelijke | |
|---|---|---|
| Valuta | 31 dec 2017 | schommelingen (+/-) |
| Chinese renminbi 1 | 4,25% | 0,70% |
| Euro | 0,00% | 0,00% |
| US dollar | 1,69% | 0,17% |
| Valuta | Rentevoet per 31 dec 2016 |
Redelijkerwijs mogelijke schommelingen (+/-) |
|---|---|---|
| Chinese renminbi 1 | 3,09% | 0,51% |
| Euro | 0,00% | 0,00% |
| US dollar | 1,00% | 0,18% |
1 Voor de Chinese renminbi werd de PBOC-referentievoet voor leningen op hoogstens 6 maand genomen.
Indien we de geschatte mogelijke renteschommelingen toepassen op de schuld met vlottende rentevoet – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou het perioderesultaat vóór belastingen € 2,3 miljoen (2016: € 1,8 miljoen) hoger/ lager geweest zijn.
De Groep maakt geen gebruik van hedge accounting per 31 december 2017 (2016: ook niet). Er werd dan ook geen sensitiviteitsanalyse uitgevoerd.
De Groep is blootgesteld aan kredietrisico's ten gevolge van haar bedrijfsactiviteiten en bepaalde financieringsactiviteiten. In het kader van haar bedrijfsactiviteiten heeft de Groep een kredietbeleid opgezet dat rekening houdt met het risicoprofiel van de klanten in functie van het marktsegment waartoe zij behoren. Op basis van hun activiteitenplatform, productsegment en regio wordt het kredietrisico van de klanten geanalyseerd en wordt beslist om het kredietrisico af te dekken. De blootstelling aan kredietrisico's wordt continu opgevolgd en de kredietwaardigheid van alle klanten wordt geregeld geëvalueerd. Omwille van het specifieke karakter van sommige staaldraadactiviteiten die slechts een beperkt aantal wereldwijd opererende klanten tellen, wordt het concentratierisico van dichtbij opgevolgd en wordt – overeenkomstig de kredietbeleidslijnen – indien nodig onmiddellijk actie ondernomen. Er dient geen enkele van de volgens IFRS 8 §34 vereiste toelichtingen in verband met individuele klanten (of groepen van klanten onder gezamenlijke zeggenschap) verstrekt, aangezien geen enkele klant van de Groep instaat voor meer dan 10% van de omzet. Op 31 december 2017 was 64,5% (2016: 57,8%) van het kredietrisico afgedekt door kredietverzekeringspolissen en handelsfinancierings-instrumenten. In het kader van financieringsactiviteiten worden transacties in principe enkel afgesloten met tegenpartijen die minstens een A-kredietscore hebben. Daarbij worden kredietlimieten vastgelegd voor elke tegenpartij in functie van haar kredietwaardigheid. Dankzij deze aanpak acht de Groep de risico's bij staking van betaling door de tegenpartij beperkt, zowel wat bedrijfsactiviteiten als wat financieringsactiviteiten betreft.
Liquiditeitsrisico betekent het risico dat de Groep haar verplichtingen niet kan nakomen op de vervaldag omdat ze niet in staat is om activa te gelde te maken of de nodige kredieten te bekomen. Om de liquiditeit en de financiële flexibiliteit te allen tijde te garanderen, beschikt de Groep, naast de beschikbare geldmiddelen, over verscheidene kortlopende, niet-toegezegde kredietlijnen in de belangrijkste valuta's en voor bedragen die geacht worden toereikend te zijn voor de huidige en toekomstige financiële behoeften. Deze kredietfaciliteiten hebben meestal een gemengd karakter en kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor voorschotten, kaskredieten, acceptkredieten en verdisconteringen. De Groep heeft ook toegezegde kredietfaciliteiten ter beschikking voor een maximumbedrag van € 100 miljoen (2016: € 50 miljoen) tegen variabele rentevoeten met vaste marges. Op jaareinde was van deze kredietlijnen niets (2016: niets) opgenomen. Bovendien beschikt de Groep over een commercial paper & medium-term note program voor een bedrag van € 123,9 miljoen (2016: € 123,9 miljoen). Per jaareinde 2017, waren er geen uitstaande commercial paper notes (2016: € 50 miljoen). De externe bankschuld van € 291 miljoen, gerelateerd aan de Bridon-Bekaert Ropes Group, was op jaareinde 2017 onderworpen aan schuldconvenanten (2016: € 316 miljoen). De Groep (behalve BBRG) heeft een gezamenlijk factoring-programma met BNP Paribas Fortis en KBC dat de mogelijkheid biedt om tot € 76 miljoen (2016: € 77 miljoen) op te nemen voor twee maanden, maar er waren geen bedragen opgenomen voor jaareinde (2016: geen). Aangezien de banken binnen de factoring-overeenkomst een recht op verhaal hebben, kunnen vorderingen die het voorwerp zijn van factoring niet worden uitgeboekt in de balans en zullen opgenomen bedragen de financiële schulden verhogen.
BBRG wordt gefinancierd door een bankensyndicaat van 11 leninggevers. De leningstructuur bestaat uit een senior debt (A en B tranche), een schuld van voor de fusie in België en Australië (schuld aan BNP), een revolving credit facility (RCF) en aangevuld met diverse schulden uit bestaande faciliteiten (Overige schuld). De financieringsovereenkomst werd afgesloten op 29 juni 2016. Voor financiële doeleinden is BBRG afgeschermd, wat betekent dat (i) het geen steun (zoals intragroepsleningen, groepsgaranties, inpandgevingen, elke vorm van borgstelling) kan krijgen van andere Bekaertondernemingen buiten zijn consolidatieperimeter om zijn activiteiten te financieren, (ii) zijn bankensyndicaat zal geen enkel verhaal hebben tegenover de Bekaert Groep. Bijgevolg treedt BBRG op als een onafhankelijke groep voor financiële doeleinden. BBRG is ingestapt in een afzonderlijk factoring-programma met BNP Paribas Fortis in het VK en Duitsland. Aangezien de banken binnen dit factoring-programma geen recht hebben op verhaal, worden vorderingen die het voorwerp zijn van factoring onmiddellijk uitgeboekt in de balans.
De totale schuld per eind december 2017 bedraagt (in nominale bedragen):
| Totale schuld BBRG | ||
|---|---|---|
| in miljoen USD | 31 december 2016 | 31 december 2017 |
| Lening A | 73,0 | 65,7 |
| Lening B | 193,3 | 220,0 |
| Schuld aan BNP | 33,9 | 31,6 |
| RCF | 24,6 | 31,0 |
| Overige schuld | 6,3 | - |
| Totale schuld | 331,1 | 348,3 |
BBRG heeft als onderdeel van de Senior Facilities Agreement verschillende verplichtingen tegenover het bankensyndicaat, waaronder rapporteringsverplichtingen en een driemaandelijkse opvolging van financiële convenanten berekend op basis van de laatste twaalf maanden.
De eerste convenant is een leverage-convenant die de verhouding meet tussen de aangepaste EBITDA en de nettoschuld. De tweede convenant meet de verhouding tussen de aangepaste EBITDA en de rentelast van BBRG.
| 2017 in miljoen USD |
31 dec 2017 | Convenant | Inbreuk | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Nettoschuld | 290,8 | ||||||
| Leverage -convenant: | Aangepaste EBITDA | = | 59,5 | = 4,88 |
5,40 | Nee | |
| Aangepaste EBITDA | = | 59,5 | = | 2,78 | 2,75 | Nee | |
| Renteconvenant: | Rentelasten | 21,4 |
De volgende tabel toont de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen (inclusief financiële verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop). Enkel nettorentebetalingen en aflossingen van de hoofdsom zijn hierin vervat.
| 2017 | 2023 en | |||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2018 | 2019 | 2020-2022 | verder |
| Financiële verplichtingen - hoofdsom | ||||
| Handelsschulden | -665 196 | - | - | - |
| Overige verplichtingen | -21 139 | -153 | - | - |
| Rentedragende schulden | -454 401 | -303 959 | -756 982 | -180 652 |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -239 568 | -4 753 | -14 245 | - |
| Financiële verplichtingen - rente | ||||
| Handels- en overige schulden | - | - | - | - |
| Rentedragende schulden | -50 135 | -38 513 | -64 071 | -29 398 |
| Derivaten - netto afgewikkeld | 228 | 114 | - | - |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -5 748 | -2 093 | -1 576 | - |
| Totaal niet-verdisconteerde kasstromen | -1 435 959 | -349 357 | -836 874 | -210 050 |
| 2016 | 2022 en | |||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2017 | 2018 | 2019-2021 | verder |
| Financiële verplichtingen - hoofdsom | ||||
| Handelsschulden | -563 479 | - | - | - |
| Overige verplichtingen | -20 060 | -518 | - | - |
| Rentedragende schulden | -312 202 | -144 201 | -830 018 | -247 111 |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -325 736 | -11 943 | -5 086 | - |
| Financiële verplichtingen - rente | ||||
| Handels- en overige schulden | - | - | - | - |
| Rentedragende schulden | -47 148 | -42 023 | -83 147 | -37 679 |
| Derivaten - netto afgewikkeld | -346 | -346 | -173 | - |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -5 858 | -1 717 | -557 | - |
| Totaal niet-verdisconteerde kasstromen | -1 274 829 | -200 748 | -918 981 | -284 790 |
Hierin zijn alle instrumenten begrepen die aangehouden werden op de balansdatum en waarvoor de betalingen reeds contractueel werden vastgelegd. Prognoses met betrekking tot toekomstige nieuwe verplichtingen zijn niet meegerekend. Bedragen in vreemde valuta werden omgerekend tegen de slotkoers op de balansdatum. Variabele rentebetalingen met betrekking tot financiële instrumenten werden berekend op basis van de toepasselijke termijnrentevoeten.
Alle financiële derivaten die de Groep aangaat, hebben betrekking op een onderliggende transactie of een verwacht risico. In functie van het verwachte effect op de winst-en-verliesrekening en als voldaan is aan de strikte criteria van IAS 39, beslist de Groep geval per geval of hedge accounting zal toegepast worden. In de volgende secties worden de transacties beschreven waarvoor hedge accounting wordt toegepast en de transacties die niet in aanmerking komen voor hedge accounting, maar als een economische afdekking fungeren.
In 2017 en 2016 heeft de Groep slechts in een beperkt aantal gevallen gebruik gemaakt van hedge accounting, met name in Bridon International Ltd (UK) waar het valutarisico gelinkt aan operationele kasstromen wordt afgedekt door termijnwisselcontracten aangemerkt als kasstroomafdekkingen.
Er waren geen reëlewaardeafdekkingen in 2017 en 2016.
| 2017 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Impact op winst-en verlies rekening |
Verwerkt in het eigen vermogen (OCI) |
|---|---|---|---|---|
| Overgeboekte | Reëlewaarde | |||
| Kasstroomafdekkingen | bedragen | veranderingen | ||
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | -348 | 101 | - | -247 |
| Totaal | -348 | 101 | - | -247 |
| 2016 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Impact op winst-en verlies rekening |
Verwerkt in het eigen vermogen (OCI) |
|---|---|---|---|---|
| Overgeboekte | Reëlewaarde | |||
| Kasstroomafdekkingen | bedragen | veranderingen | ||
| Valutarisico op operationele kasstromen | -542 | 1 284 | - | 742 |
| Totaal | -542 | 1 284 | - | 742 |
De kasstroomafdekkingen hebben betrekking op Bridon International Ltd. waar het valutarisico gelinkt aan operationele kasstromen wordt afgedekt door termijnwisselcontracten. Overgeboekte bedragen hebben betrekking op bedragen die werden overgedragen vanuit de afdekkingsreserve om effecten in de winst-en-verliesrekening van afgedekte posities te compenseren.
De Groep gebruikt ook financiële instrumenten die als economische afdekking fungeren, maar waarvoor geen hedge accounting wordt toegepast, ofwel omdat niet voldaan is aan de criteria die IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering', vooropstelt om in aanmerking te komen voor hedge accounting, ofwel omdat de Groep bewust besloten heeft om geen hedge accounting toe te passen. Deze derivaten worden verwerkt als afzonderlijke instrumenten aangehouden voor handelsdoeleinden.
» Om het renterisico te beheren, gebruikt de Groep interest-rate swaps om haar schulden met variabele rentevoet om te zetten in schulden met vaste rentevoet voor een bedrag van USD 73,0 miljoen (2016: USD 73,0 miljoen).
» De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om haar valutarisico op diverse operationele en financiële transacties te beperken. Daarbij maakt de Groep slechts in een beperkt aantal gevallen gebruik van hedge accounting, met name in Bridon International Ltd (VK) waar het valutarisico gelinkt aan operationele kasstromen wordt afgedekt door termijnwisselcontracten aangemerkt als kasstroomafdekkingen. De reëlewaardewijzigingen van alle overige termijnwisselcontracten worden onmiddellijk opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten.
Het volgende overzicht presenteert de notionele bedragen van de derivaten volgens hun looptijd. Voor derivaten aangemerkt voor hedge accounting conform IAS 39 wordt getoond of deze deel uitmaken van een reëlewaardeafdekking (FVH) of een kasstroomafdekking (CFH):
| 2017 in duizend € |
Vervallend Vervallend over meer dan binnen het 1 en ten jaar hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
|---|---|---|
| Hedge accounting | ||
| Termijnwisselcontracten (CFH) | 12 386 - |
- |
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | ||
| Termijnwisselcontracten | 226 441 - |
- |
| Interest-rate swaps | - 60 869 |
- |
| Cross-currency interest-rate swaps | 273 805 18 998 |
- |
| Conversiederivaat | - 380 000 |
- |
| Totaal | 512 632 459 867 |
- |
| Vervallend | |||
|---|---|---|---|
| Vervallend | over meer dan | Vervallend | |
| 2016 | binnen het | 1 en ten | over meer dan |
| in duizend € | jaar | hoogste 5 jaar | 5 jaar |
| Hedge accounting | |||
| Termijnwisselcontracten (CFH) | 18 487 | - | - |
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | |||
| Termijnwisselcontracten | 278 239 | - | - |
| Interest-rate swaps | - | 69 253 | - |
| Cross-currency interest-rate swaps | 355 810 | 5 086 | - |
| Conversiederivaat | - | 380 000 | - |
| Totaal | 652 536 | 454 339 | - |
Het volgende overzicht vat de reële waarden van de verschillende derivaten samen. Voor derivaten aangemerkt voor hedge accounting conform IAS 39, wordt getoond of deze deel uitmaken van een reëlewaardeafdekking (FVH) of een kasstroomafdekking (CFH):
| Reële waarde van korte- en langetermijnderivaten | Vorderingen | Verplichtingen | ||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 | 2016 | 2017 |
| Financiële instrumenten | ||||
| Hedge accounting | ||||
| Termijnwisselcontracten (CFH) | - | - | 595 | 468 |
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | ||||
| Termijnwisselcontracten | 5 712 | 518 | 865 | 6 019 |
| Interest-rate swaps | 436 | 432 | - | - |
| Interest-rate caps | - | - | 19 | 24 |
| Cross-currency interest-rate swaps | 889 | 5 208 | 6 591 | 303 |
| Put -opties gerelateerd aan minderheidsbelangen 1 | - | - | 8 845 | 9 133 |
| Conversiederivaat | - | - | 35 207 | 17 545 |
| Totaal | 7 037 | 6 159 | 52 122 | 33 492 |
| Op meer dan een jaar | - | - | 44 355 | 26 968 |
| Op ten hoogste een jaar | 7 037 | 6 159 | 7 767 | 6 525 |
| Totaal | 7 037 | 6 159 | 52 122 | 33 492 |
De Groep heeft geen financiële activa en verplichtingen die gesaldeerd worden voorgesteld in de balans overeenkomstig IAS 32. De Groep gaat ISDA (Internationale Swaps en Derivaten Associatie)-raamovereenkomsten aan met de tegenpartijen voor al haar derivaten, die de tegenpartijen toelaten om vorderingen uit derivaten te salderen met verplichtingen uit derivaten bij het afwikkelen in geval van wanbetaling. Bij deze overeenkomsten worden geen waarborgen uitgewisseld, noch in geldmiddelen noch in beleggingsinstrumenten.
Het potentieel effect van het salderen van derivatencontracten wordt hierna weergegeven:
| Effect van afdwingbare salderingsovereenkomsten | Vorderingen | Verplichtingen | ||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 | 2016 | 2017 |
| Totaal derivaten opgenomen in de balans | 7 037 | 6 159 | 52 122 | 33 492 |
| Afdwingbare salderingen | -889 | -14 | -889 | -14 |
| Nettobedragen | 6 148 | 6 145 | 51 233 | 33 478 |
De volgende tabellen tonen de verschillende klassen van financiële activa en verplichtingen met hun nettoboekwaarde en reële waarde, ingedeeld naargelang hun waarderingscategorie volgens IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering'.
Geldmiddelen en kasequivalenten, geldbeleggingen, handelsvorderingen, overige vorderingen, ontvangen bankwissels en leningen en financiële vorderingen vervallen meestal op korte termijn. Daarom benadert hun nettoboekwaarde op de verslagdatum hun reële waarde. Ook handelsschulden en overige verplichtingen vervallen meestal op korte termijn en om dezelfde reden benadert hun nettoboekwaarde hun reële waarde. De Groep heeft overigens geen posities in collateralized debt obligations (CDO's).
Volgende afkortingen voor categorieën worden hierna gebruikt:
| Afkorting | Categorie volgens IAS 39 |
|---|---|
| L&V | Leningen en vorderingen |
| BV | Beschikbaar voor verkoop |
| FARWR | Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat |
| FVtGK | Financiële verplichtingen tegen geamortiseerde kostprijs |
| AVAfd | Administratieve verwerking van afdekkingstransacties |
| FVRWR | Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het resultaat |
| n.v.t. | Niet van toepassing |
| Netto | |||
|---|---|---|---|
| 2017 | boekwaarde | Reële waarde | |
| in duizend € | Categorie volgens IAS 39 | 2017 | 2017 |
| Activa | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | L&V | 418 779 | 418 779 |
| Geldbeleggingen | L&V | 50 406 | 50 406 |
| Handelsvorderingen | L&V | 836 809 | 836 809 |
| Ontvangen bankwissels | L&V | 55 633 | 55 633 |
| Overige vorderingen | L&V | 34 765 | 34 765 |
| Leningen en financiële vorderingen | L&V | 38 009 | 38 009 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | BV | 16 400 | 16 400 |
| Vorderingen uit derivaten | |||
| - zonder afdekkingsrelatie | FARWVR | 6 159 | 6 159 |
| - met afdekkingsrelatie | Hedge accounting | - | - |
| Verplichtingen | |||
| Rentedragende schulden | |||
| - financiële leases | n.v.t. | 3 146 | 3 146 |
| - kredietinstellingen | FVtGK | 949 623 | 949 623 |
| - obligatieleningen | FVtGK | 681 978 | 724 195 |
| Handelsschulden | FVtGK | 665 196 | 665 196 |
| Overige verplichtingen | FVtGK | 21 292 | 21 292 |
| Verplichtingen uit derivaten | |||
| - zonder afdekkingsrelatie | FVRWVR | 33 025 | 33 025 |
| - met afdekkingsrelatie | Hedge accounting | 468 | 468 |
| Getotaliseerd per categorie volgens IAS 39 | |||
| Leningen en financiële vorderingen | L&V | 1 434 402 | 1 434 402 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | BV | 16 400 | 16 400 |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | FARWVR | 6 159 | 6 159 |
| Financiële verplichtingen gewaardeerd tegen | |||
| geamortiseerde kostprijs | FVtGK | 2 318 089 | 2 360 306 |
| Financiële verplichtingen met afdekkingsrelatie | AVAfd | 468 | 468 |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het | |||
| resultaat | FVRWVR | 33 025 | 33 025 |
| Netto | |||
|---|---|---|---|
| 2016 | boekwaarde | Reële waarde | |
| in duizend € | Categorie volgens IAS 39 | 2016 | 2016 |
| Activa | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | L&V | 365 546 | 365 546 |
| Geldbeleggingen | L&V | 5 342 | 5 342 |
| Handelsvorderingen | L&V | 739 145 | 739 145 |
| Ontvangen bankwissels | L&V | 60 182 | 60 182 |
| Overige vorderingen | L&V | 38 239 | 38 239 |
| Leningen en financiële vorderingen | L&V | 28 020 | 28 020 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | BV | 17 499 | 17 499 |
| Vorderingen uit derivaten | |||
| - zonder afdekkingsrelatie | FARWVR | 7 037 | 7 037 |
| - met afdekkingsrelatie | AVAfd | - | - |
| Verplichtingen | |||
| Rentedragende schulden | |||
| - financiële leases | n.v.t. | 3 855 | 3 855 |
| - kredietinstellingen | FVtGK | 781 915 | 781 915 |
| - obligatieleningen | FVtGK | 673 455 | 715 186 |
| Handelsschulden | FVtGK | 556 361 | 556 361 |
| Overige verplichtingen | FVtGK | 20 572 | 20 572 |
| Verplichtingen uit derivaten | |||
| - zonder afdekkingsrelatie | FVRWVR | 51 528 | 51 528 |
| - met afdekkingsrelatie | AVAfd | 595 | 595 |
| Getotaliseerd per categorie volgens IAS 39 | |||
| Leningen en financiële vorderingen | L&V | 1 236 474 | 1 236 474 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | BV | 17 499 | 17 499 |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | FARWVR | 7 037 | 7 037 |
| Financiële verplichtingen gewaardeerd tegen | |||
| geamortiseerde kostprijs | FVtGK | 2 032 303 | 2 074 034 |
| Financiële verplichtingen met afdekkingsrelatie | AVAfd | 595 | 595 |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het | |||
| resultaat | FVRWVR | 51 528 | 51 528 |
De reëlewaardebepaling van financiële activa en verplichtingen kan worden getypeerd op een van de volgende manieren:
| Converteerbare obligatielening uitgegeven in 2016 | Op uitgifte datum |
Op 31 dec 2016 |
Op 31 dec 2017 |
|---|---|---|---|
| Niveau-1-inputs | |||
| Koers van het aandeel | € 37,97 | € 38,49 | € 36,45 |
| Niveau-2-inputs | |||
| Referentieswaprate | 0,03% | 0,02% | 0,08% |
| Niveau-3-inputs | |||
| Volatiliteit | 29,00% | 29,15% | 26,75% |
| Kredietmarge | 225 bps | 175 bps | 80 bps |
| in duizend € |
|---|
| -------------- |
| Reële waarde van de converteerbare schuld | 380 000 | 386 734 | 386 202 |
|---|---|---|---|
| Reële waarde van de plain vanilla- schuld | 339 509 | 351 527 | 368 656 |
| Reële waarde van de conversie-optie | 40 491 | 35 207 | 17 545 |
De nettoboekwaarde (d.i. de reële waarde) van de niveau-3-verplichtingen is als volgt geëvolueerd:
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 14 384 | 44 052 |
| Bij uitgifte van de converteerbare obligatie (14 juni 2016) | 40 491 | - |
| (Winst) / Verlies in reële waarde | -10 823 | -17 375 |
| Per 31 december | 44 052 | 26 678 |
Winsten en verliezen op de reële waarde worden gerapporteerd in de overige financiële opbrengsten en lasten. Geen van de niveau 3-financiële verplichtingen werden gedurende het jaar uitgeboekt.
De volgende tabel toont de sensitiviteit van de reëlewaardeberekening voor de conversieoptie aan de belangrijkste inputs van niveau 3.
| Sensitiviteitsanalyse in duizend € |
Impact op derivaat Wijziging (verplichting) |
|
|---|---|---|
| Impliciete volatiliteit | 3,5% toename met | 5 335 |
| -3,5% afname met | -5 138 | |
| Kredietmarge | 25 bps toename met | 3 133 |
| -25 bps afname met | -3 166 |
De reële waarde van alle financiële instrumenten die tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerd worden in de balans, volgens IAS 39 of IAS 17, werd bepaald door middel van waarderingstechnieken van 'Niveau 2'. De volgende tabel toont een analyse van financiële instrumenten die tegen reële waarde worden gewaardeerd in de balans volgens de hoger beschreven hiërarchie van reëlewaardebepalingen:
| 2017 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | 6 159 | - | 6 159 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||||
| Deelnemingen | 6 562 | 8 647 | - | 15 209 |
| Totaal activa | 6 562 | 14 805 | - | 21 367 |
| Financiële verplichtingen - met afdekkingsrelatie | ||||
| Verplichtingen uit derivaten | - | 468 | - | 468 |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het | ||||
| resultaat | ||||
| Put-opties gerelateerd aan minderheidsbelangen | - | - | 9 133 | 9 133 |
| Verplichtingen uit derivaten | - | 6 347 | 17 545 | 23 892 |
| Totaal verplichtingen | - | 6 815 | 26 678 | 33 493 |
| 2016 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | 7 037 | - | 7 037 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||||
| Deelnemingen | 7 951 | 8 514 | - | 16 465 |
| Totaal activa | 7 951 | 15 551 | - | 23 502 |
| Financiële verplichtingen - met afdekkingsrelatie | ||||
| Verplichtingen uit derivaten | - | 595 | - | 595 |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het resultaat |
||||
| Put-opties gerelateerd aan minderheidsbelangen | - | - | 8 845 | 8 845 |
| Verplichtingen uit derivaten | - | 7 476 | 35 207 | 42 683 |
| Totaal verplichtingen | - | 8 071 | 44 052 | 52 123 |
Er waren geen overdrachten tussen niveau 1 en 2 tijdens de periode.
De Groep beheert haar kapitaal om te verzekeren dat haar entiteiten in staat zullen zijn hun activiteiten verder te zetten, en met de bedoeling de rentabiliteit voor haar aandeelhouders te maximaliseren door de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen te optimaliseren. De Groep heeft haar strategie in dit verband niet gewijzigd tegenover 2016.
De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit nettoschuld, zoals gedefinieerd in toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden', en eigen vermogen (zowel toerekenbaar aan de Groep als aan minderheidsbelangen).
Het Audit en Finance Comité van de Groep controleert de kapitaalstructuur op halfjaarlijkse basis. Als onderdeel van deze controle wordt de kapitaalkost herzien en worden de risico's geëvalueerd die verband houden met elke vorm van kapitaalverstrekking. De Groep beoogt een gearing ratio van 50%, gedefinieerd als de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen.
| Gearing | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Nettoschuld | 1 067 683 | 1 150 857 |
| Eigen vermogen | 1 597 893 | 1 583 036 |
| Nettoschuld op eigen vermogen | 66,8% | 72,7% |
Per 31 december had de Groep de volgende belangrijke voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen:
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Voorwaardelijke verplichtingen | 27 659 | 27 073 |
| Toezeggingen tot aankoop van vaste activa | 30 177 | 47 080 |
| Toezeggingen tot deelneming in durfkapitaalfondsen | 2 051 | 6 256 |
De voorwaardelijke verplichtingen hebben voornamelijk betrekking op milieuverplichtingen, waarvan de meeste gedekt zijn door groepsgaranties.
De entiteiten van de Groep worden geregeld onderworpen aan belastingcontroles in hun rechtsgebied. Hoewel het eindresultaat van belastingcontroles onzeker is, heeft Bekaert de kwaliteit van haar aangiftes getoetst in een algemene evaluatie van potentiële belastingverplichtingen en geconcludeerd dat de Groep toereikende belastingverplichtingen opgenomen heeft in deze geconsolideerde jaarrekening voor eventuele risico's op dit vlak. Bijgevolg acht Bekaert het ook onwaarschijnlijk dat potentiële belastingrisico's, bovenop de bedragen die in deze geconsolideerde jaarrekening als verplichtingen opgenomen werden, van betekenis kunnen zijn voor haar financiële positie (zie toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen' voor voorwaardelijke belastingverplichtingen met betrekking tot de Braziliaanse joint ventures), en bijgevolg worden hier geen voorwaardelijke verplichtingen voor belastingen toegelicht.
De Groep heeft verscheidene huurcontracten afgesloten die geclassificeerd worden als operationele lease-overeenkomsten, vooral voor rollend materieel en gebouwen, grotendeels in Europa. Een groot aantal van de contracten voor gebouwen bevat een verlengingsclausule. De activa worden niet onderverhuurd aan derden.
Alle toegezegde toekomstige leaseverplichtingen met betrekking tot de huur van het industriële gebouw dat voorheen gebruikt werd door Bridon-Bekaert ScanRope AS werden opgenomen als onderdeel van een herstructureringsprovisie en maken daarom geen deel meer uit van de niet-opgenomen leaseverplichtingen (2016: € 10,6 miljoen).
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Binnen het jaar | 22 498 | 22 657 |
| Over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | 42 796 | 38 267 |
| Over meer dan 5 jaar | 35 161 | 29 378 |
| Totaal | 100 455 | 90 302 |
| Kosten | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Rollend materieel | 10 103 | 9 624 |
| Industriële gebouwen | 8 463 | 9 878 |
| Uitrusting | 5 114 | 5 684 |
| Kantoren | 4 722 | 3 825 |
| Gronden | 132 | - |
| Overige | 1 562 | 617 |
| Totaal | 30 096 | 29 628 |
| in jaren | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Rollend materieel | 4 | 4 |
| Industriële gebouwen | 16 | 7 |
| Uitrusting | 3 | 3 |
| Kantoren | 3 | 3 |
| Gronden | 1 | - |
| Overige | 1 | 1 |
Transacties tussen de Onderneming en haar dochterondernemingen, die verbonden partijen zijn, werden geëlimineerd in de consolidatie en worden bijgevolg niet opgenomen in deze toelichting. Transacties met andere verbonden partijen worden hieronder toegelicht.
| Transacties met joint ventures | |
|---|---|
| 2016 in duizend € |
2017 |
| Verkopen van goederen 5 527 |
14 735 |
| Aankopen van goederen 19 885 |
18 886 |
| Geleverde diensten 263 |
161 |
| Ontvangen royalty's en managementvergoedingen 8 957 |
7 779 |
| Ontvangen dividenden 22 491 |
60 020 |
| in duizend € | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Handelsvorderingen | 3 795 | 5 507 |
| Overige kortetermijnvorderingen | 1 861 | 3 347 |
| Handelsschulden | 4 633 | 3 588 |
| Overige kortetermijnverplichtingen | 51 | 51 |
Geen enkele van de verbonden partijen heeft nog andere transacties aangegaan die voldoen aan de criteria van IAS 24, 'Informatieverschaffing over verbonden partijen'.
Het Key Management omvat de Raad van Bestuur, de CEO, de leden van het Bekaert Group Executive en de Senior Vice Presidents (zie laatste pagina van het Financieel overzicht).
| Vergoedingen Key Management | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 |
| Aantal personen | 35 | 37 |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | ||
| Basisvergoedingen | 7 156 | 6 912 |
| Variabele vergoedingen | 4 422 | 4 990 |
| Vergoedingen als bestuurders van dochterondernemingen | 624 | 581 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | 533 | 479 |
| Toegezegdebijdragenregelingen | 687 | 707 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 3 783 | 3 989 |
| Totaal brutovergoedingen | 17 205 | 17 658 |
| Gemiddelde brutovergoeding per persoon | 492 | 477 |
| Aantal toegekende opties en stock appreciation rights | 163 750 | 210 500 |
| Aantal toegekende prestatie-aandeeleenheden (zowel in eigenvermogensinstrumenten | ||
| als in geldmiddelen afgewikkeld) | 55 250 | 57 750 |
| Aantal toe toe te kennen matching shares | 20 327 | 15 725 |
Voor de toelichtingen die betrekking hebben op de Belgische Corporate Governance Code verwijzen wij naar het hoofdstuk 'Corporate Governance' in dit jaarverslag.
Gedurende 2017 werden er door de commissaris en met hem beroepshalve in samenwerkingsverband opererende personen bijkomende opdrachten uitgevoerd ten belope van € 1 242 055.
Deze opdrachten betroffen in essentie verdere assurance-opdrachten (€ 248 148), belastingadviesdiensten (€ 948 325) en andere niet-controlediensten (€ 45 582). De bijkomende opdrachten werden goedgekeurd door het Audit en Finance Comité.
De vergoedingen voor controlediensten voor NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen bedroegen € 2 259 425.
| Met industriële activiteit | Adres | FV1 | %2 |
|---|---|---|---|
| EMEA | |||
| Bekaert Advanced Cords Aalter NV | Aalter, België | EUR | 60 |
| Bekaert Bohumín sro | Bohumín, Tsjechië | CZK | 100 |
| Bekaert Bradford UK Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Bekaert Combustion Technology BV | Assen, Nederland | EUR | 100 |
| Bekaert Figline SpA Bekaert Hlohovec as |
Milaan, Italië Hlohovec, Slovakije |
EUR EUR |
100 100 |
| Bekaert Izmit Çelik Kord Sanayi ve Ticaret AS | Izmit, Turkije | EUR | 100 |
| Bekaert Kartepe Çelik Kord Sanayi ve Ticaret AS | Kartepe, Turkije | EUR | 100 |
| Bekaert Petrovice sro | Petrovice, Tsjechië | CZK | 100 |
| Bekaert Sardegna SpA | Assemini, Italië | EUR | 100 |
| Bekaert Slatina SRL | Slatina, Roemenië | RON | 80 |
| Bekaert Slovakia sro | Sládkovičovo, Slovakije | EUR | 100 |
| Bekintex NV | Wetteren, België | EUR | 100 |
| Bridon International GmbH | Gelsenkirchen, Duitsland | EUR | 60 |
| Bridon International Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 60 |
| Bridon-Bekaert ScanRope AS | Tonsberg, Noorwegen | NOK | 60 |
| Industrias del Ubierna SA | Burgos, Spanje | EUR | 100 |
| OOO Bekaert Lipetsk | Gryazi, Rusland | RUB | 100 |
| Solaronics SA | Armentières, Frankrijk | EUR | 100 |
| Noord-Amerika | |||
| Bekaert Corporation | Wilmington (Delaware), Verenigde Staten | USD | 100 |
| Bridon-American Corporation | New York, Verenigde Staten | USD | 60 |
| Wire Rope Industries Ltd/Industries de Câbles d'Acier Ltée | Pointe-Claire, Canada | CAD | 60 |
| Latijns-Amerika | |||
| Acma SA | Santiago, Chili | CLP | 52 |
| Acmanet SA | Talcahuano, Chili | CLP | 52 |
| BBRG - Osasco Cabos Ltda | São Paulo, Brazilië | BRL | 60 |
| Bekaert Costa Rica SA | San José-Santa Ana, Costa Rica | USD | 58 |
| BIA Alambres Costa Rica SA | San José-Santa Ana, Costa Rica | USD | 58 |
| Ideal Alambrec SA | Quito, Ecuador | USD | 58 |
| Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA Procables SA |
Talcahuano, Chili Callao, Peru |
CLP PEN |
52 58 |
| Prodinsa SA | Maipú, Chili | CLP | 60 |
| Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS | Bogotá, Colombia | COP | 80 |
| Productos de Acero Cassadó SA | Callao, Peru | USD | 38 |
| Vicson SA | Valencia, Venezuela | VEF | 80 |
| Pacifisch Azië | |||
| Bekaert Applied Material Technology (Shanghai) Co Ltd | Shanghai, China | CNY | 100 |
| Bekaert Binjiang Steel Cord Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | CNY | 90 |
| Bekaert (China) Technology Research and Development Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | CNY | 100 |
| Bekaert (Chongqing) Steel Cord Co Ltd Bekaert (Huizhou) Steel Cord Co Ltd |
Chongqing, China Huizhou (provincie Guangdong), China |
CNY CNY |
100 100 |
| Bekaert Industries Pvt Ltd | Taluka Shirur, District Pune, India | INR | 100 |
| Bekaert Ipoh Sdn Bhd | Kuala Lumpur, Maleisië | MYR | 100 |
| Bekaert (Jining) Steel Cord Co Ltd | Jining City, Yanzhou district (provincie Shandong), China |
CNY | 60 |
| Bekaert Jiangyin Wire Products Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | CNY | 100 |
| Bekaert Mukand Wire Industries Pvt Ltd | Pune, India | INR | 100 |
| Bekaert New Materials (Suzhou) Co Ltd | Suzhou (provincie Jiangsu), China | CNY | 100 |
| Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd | Qingdao (provincie Shandong), China | CNY | 100 |
| Bekaert Shah Alam Sdn Bhd | Kuala Lumpur, Maleisië | MYR | 100 |
| Bekaert (Shandong) Tire Cord Co Ltd Bekaert (Shenyang) Advanced Cords Co Ltd |
Weihai (provincie Shandong), China Shenyang (provincie Liaoning), China |
CNY CNY |
100 60 |
| Bekaert Shenyang Advanced Products Co Ltd | Shenyang (provincie Liaoning), China | CNY | 100 |
| Bekaert Toko Metal Fiber Co Ltd | Tokio, Japan | JPY | 70 |
| Bekaert Wire Ropes Pty Ltd | Mayfield East, Australië | AUD | 60 |
| Bridon (Hangzhou) Ropes Co Ltd | Hangzhou (provincie Zhejiang), China | CNY | 60 |
| China Bekaert Steel Cord Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | CNY | 90 |
| PT Bekaert Indonesia | Karawang, Indonesië | USD | 100 |
| PT Bekaert Wire Indonesia PT Bridon |
Karawang, Indonesië Bekasi, West Java, Indonesië |
USD USD |
100 60 |
1. Functionele valuta
2. Belangenpercentage
| EMEA | |||
|---|---|---|---|
| Bekaert AS | Hellerup, Denemarken | DKK | 100 |
| Bekaert Emirates LLC | Dubai, Verenigde Arabische Emiraten | AED | 49 |
| Bekaert France SAS | Armentières, Frankrijk | EUR | 100 |
| Bekaert Ges mbH | Wenen, Oostenrijk | EUR | 100 |
| Bekaert GmbH | Neu-Anspach, Duitsland | EUR | 100 |
| Bekaert Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA | Aalst (Erembodegem), België | EUR | 50 |
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions Srl | Zola Predosa, Bologna, Italië | EUR | 50 |
| Bekaert Middle East LLC | Dubai, Verenigde Arabische Emiraten | AED | 49 |
| Bekaert Norge AS | Oslo, Noorwegen | NOK | 100 |
| Bekaert Poland Sp z oo | Warsaw, Poland | PLN | 100 |
| Bekaert (Schweiz) AG | Baden, Zwitserland | CHF | 100 |
| Bekaert Svenska AB | Göteborg, Zweden | SEK | 100 |
| Bridon Coatbridge Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 60 |
| Bridon Pension Trust (No Two) Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 60 |
| Bridon Ropes NV/SA | Brussel, België | EUR | 60 |
| Bridon Scheme Trustees Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 60 |
| British Ropes Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 60 |
| Gloucester Rope & Tackle Company Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 60 |
| Leon Bekaert SpA | Milaan, Italië | EUR | 100 |
| OOO Bekaert Wire | Moskou, Rusland | RUB | 100 |
| Rylands-Whitecross Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Scheldestroom NV | Zwevegem, België | EUR | 100 |
| Twil Company | Bradford, Verenigd Koninkrijk | GBP | 100 |
| Noord-Amerika | |||
| Bekaert Carding Solutions Inc / Bekaert Solutions de Cardage Inc | Saint John, Canada | CAD | 100 |
| Latijns-Amerika | |||
| BBRG - Macaé Cabos Ltda | Rio de Janeiro, Brazilië | BRL | 60 |
| Bekaert Guatemala SA | Ciudad de Guatemala, Guatemala | GTQ | 100 |
| Bekaert Specialty Films de Mexico SA de CV | Monterrey, Mexico | MXN | 100 |
| Bekaert Trade Latin America NV | Curaçao, Nederlandse Antillen | USD | 58 |
| Bekaert Trade Mexico S de RL de CV | Mexico Stad, Mexico | MXN | 100 |
| Inversiones BBRG Lima SA | Lima, Peru | PEN | 58 |
| Prodac Contrata SAC | Callao, Peru | USD | 38 |
| Prodac Selva SAC | Ucayali, Peru | USD | 38 |
| Prodalam SA | Santiago, Chili | CLP | 52 |
| Prodinsa Ingeniería y Proyectos SA | Santiago, Chili | CLP | 60 |
| Specialty Films de Services Company SA de CV | Monterrey, Mexico | MXN | 100 |
| Pacifisch Azië | |||
| Bekaert Advanced Products (Shanghai) Co Ltd | Shanghai, China | CNY | 100 |
| Bekaert Japan Co Ltd | Tokio, Japan | JPY | 100 |
| Bekaert Korea Ltd | Seoel, Korea | KRW | 100 |
| Bekaert Management (Shanghai) Co Ltd | Shanghai, China | CNY | 100 |
| Bekaert Singapore Pte Ltd | Singapore | SGD | 100 |
| Bekaert Taiwan Co Ltd | Taipei, Taiwan | TWD | 100 |
| BOSFA Pty Ltd | |||
| Port Melbourne, Australië | AUD | 100 | |
| Bridon Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | HKD | 60 |
| Bridon New Zealand Ltd | Aukland, Nieuw Zeeland | NZD | 60 |
| Bridon Singapore (Pte) Ltd PT Bekaert Trade Indonesia |
Singapore Karawang, Indonesië |
SGD USD |
60 100 |
2. Belangenpercentage
| Financiële ondernemingen | Adres | FV1 | %2 |
|---|---|---|---|
| Acma Inversiones SA | Maipú, Chili | CLP | 60 |
| BBRG Finance (UK) Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 60 |
| BBRG Holding (UK) Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 60 |
| BBRG Operations (UK) Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 60 |
| BBRG Production (UK) Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 60 |
| BBRG (Purchaser) Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 60 |
| BBRG (Subsidiary) Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 60 |
| Becare DAC | Dublin, Ierland | EUR | 100 |
| Bekaert Building Products Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Carding Solutions Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Coördinatiecentrum NV | Zwevegem, België | EUR | 100 |
| Bekaert do Brasil Ltda | Contagem, Brazilië | BRL | 100 |
| Bekaert Holding Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Ibérica Holding SL | Burgos, Spanje | EUR | 100 |
| Bekaert Ideal SL | Burgos, Spanje | EUR | 80 |
| Bekaert Investments NV | Zwevegem, België | EUR | 100 |
| Bekaert Investments Italia SpA | Milano, Italië | EUR | 100 |
| Bekaert North America Management Corporation | Wilmington (Delaware), Verenigde Staten | USD | 100 |
| Bekaert Services Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Singapore Holding Pte Ltd | Singapore | SGD | 100 |
| Bekaert Specialty Wire Products Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Stainless Products Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Steel Cord Products Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Strategic Partnerships Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Wire Products Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bekaert Wire Rope Industry NV | Aalst (Erembodegem), België | EUR | 60 |
| Bekaert Xinyu Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | EUR | 100 |
| Bridon-Bekaert Ropes Group Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 60 |
| Bridon-Bekaert Ropes Group (UK) Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | EUR | 60 |
| Bridon Holdings Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 60 |
| Bridon Ltd | Doncaster, Verenigd Koninkrijk | GBP | 60 |
| Bridon (South East Asia) Ltd | Hong Kong, China | HKD | 60 |
| Industrias Acmanet Ltda | Talcahuano, Chili | CLP | 52 |
| Inversiones Bekaert Andean Ropes SA | Santiago, Chili | CLP | 100 |
| Inversiones Impala Perú SA Cerrada | Lima, Peru | USD | 52 |
| InverVicson SA | Valencia, Venezuela | VEF | 80 |
| Procables Wire Ropes SA | Maipú, Chili | CLP | 60 |
| Procercos SA | Talcahuano, Chili | CLP | 52 |
| Met industriële activiteit | Adres | FV1 | %2 |
|---|---|---|---|
| Latijns-Amerika | |||
| Belgo Bekaert Arames Ltda BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda |
Contagem, Brazilië Vespasiano, Brazilië |
BRL BRL |
45 45 |
| Verkoopkantoren, magazijnen en andere | Adres | FV1 | %2 |
| EMEA | |||
| Netlon Sentinel Ltd | Blackburn, Verenigd Koninkrijk | GBP | 50 |
| Pacifisch Azië | |||
| Bekaert Engineering (India) Pvt Ltd | New Delhi, India | INR | 40 |
2. Belangenpercentage
| Dochterondernemingen | Adres | % |
|---|---|---|
| Inversiones BBRG Lima SA | Lima, Peru | 58 |
| Dochterondernemingen | Adres | |
|---|---|---|
| Bekaert (Chongqing) Steel Cord Co Ltd | Chongqing, China | Van 50% naar 100% |
| Bekaert (Jining) Steel Cord Co Ltd | Jining City, Yanzhou district (provincie | Van 80% naar 60% |
| Shandong), China | ||
| Bekaert Trade Latin America NV | Curaçao, Nederlandse Antillen | Van 100% naar 58% |
| Dochterondernemingen | Adres | |
|---|---|---|
| Bekaert Sumaré Ltda | Sumaré, Brazilië | Van 100% naar 45% |
| Dochterondernemingen | Gefusioneerd met |
|---|---|
| Wire Rope Industries USA Inc | Bridon-American Corporation |
| Joint ventures | Gefusioneerd met |
| ArcellorMittal Bekaert Sumaré Ltda | BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda |
| Nieuwe naam | Vorige naam |
|---|---|
| ArcellorMittal Bekaert Sumaré Ltda | Bekaert Sumaré Ltda |
| BBRG - Macaé Cabos Ltda | Bridon do Brasil Representaçŏes Comércio e Indústria de Cabos |
| Ltda | |
| BBRG - Osasco Ltda | Bekaert Cimaf Cabos Ltda |
| Bekaert Bradford UK Ltd | Cold Drawn Products Ltd |
| Bekaert (Chongqing) Steel Cord Co Ltd | Bekaert Ansteel Tire Cord (Chongqing) Co Ltd |
| Bridon-Bekaert ScanRope AS | Bridon Scanrope AS |
| Inversiones Impala Perú SA Cerrada | Impala SA |
| PT Bekaert Wire Indonesia | PT Bekaert Southern Wire |
| Ondernemingen | Adres |
|---|---|
| Bridge Finco LLC | Wilmington (Delaware), Verenigde Staten |
| Bridon Australia Pty Ltd | Sydney, Australië |
In overeenstemming met de Belgische wetgeving geeft onderstaande tabel de kruispuntbanknummers van de Belgische ondernemingen weer.
| Ondernemingen | Kruispuntbanknummer |
|---|---|
| Bekaert Advanced Cords Aalter NV | BTW BE 0645 654 071 RPR Gent |
| Bekaert Coördinatiecentrum NV | BTW BE 0426.824.150 RPR Kortrijk |
| Bekaert Investments NV | BTW BE 0406.207.096 RPR Kortrijk |
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA | BTW BE 0561.750.457 RPR Dendermonde |
| Bekaert Wire Rope Industry NV | BTW BE 0550 983 358 RPR Dendermonde |
| Bekintex NV | BTW BE 0452.746.609 RPR Dendermonde |
| Bridon Ropes NV/SA | BTW BE 0401 637 507 RPR Brussel |
| NV Bekaert SA | BTW BE 0405.388.536 RPR Kortrijk |
| Scheldestroom NV | BTW BE 0403.676.188 RPR Kortrijk |
Het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap NV Bekaert SA worden hierna in verkorte vorm weergegeven.
Het verslag van de Raad van Bestuur ex artikel 96 van het Wetboek van vennootschappen is niet integraal opgenomen in het verslag ex artikel 119.
Exemplaren van het volledig verslag van de Raad van Bestuur en van de volledige statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA zijn op verzoek gratis beschikbaar op volgend adres:
NV Bekaert SA Bekaertstraat 2 BE-8550 Zwevegem België www.bekaert.com
De commissaris heeft een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud gegeven met betrekking tot de statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA.
Conform de wet zullen het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de jaarrekening van NV Bekaert SA samen met het verslag van de commissaris worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.
| 2016 in duizend € - Jaren afgesloten op 31 december |
2017 |
|---|---|
| Omzet 358 292 |
409 874 |
| Bedrijfsresultaat vóór niet-recurrente resultaten -8 131 |
22 854 |
| Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten en -kosten -3 898 |
49 587 |
| Bedrijfsresultaat na niet-recurrente resultaten -12 029 |
72 440 |
| Financieel resultaat vóór niet-recurrente resultaten 33 121 |
19 334 |
| Niet-recurrente financiële opbrengsten en -kosten -49 098 |
-4 027 |
| Financieel resultaat na niet-recurrente resultaten -15 977 |
15 307 |
| Resultaat voor belastingen -28 006 |
87 748 |
| Belastingen op het resultaat 3 691 |
3 657 |
| Perioderesultaat -24 315 |
91 405 |
| in duizend € - 31 december | 2016 | 2017 |
|---|---|---|
| Vaste activa | 1 964 152 | 1 926 329 |
| Oprichtingskosten en immateriële vaste activa | 91 490 | 84 083 |
| Materiële vaste activa | 41 916 | 45 775 |
| Financiële vaste activa | 1 830 746 | 1 796 471 |
| Vlottende activa | 382 388 | 381 320 |
| Totaal der activa | 2 346 540 | 2 307 649 |
| Eigen vermogen | 753 719 | 783 732 |
| Kapitaal | 177 612 | 177 690 |
| Uitgiftepremies | 36 594 | 37 278 |
| Herwaarderingsmeerwaarden | 1 995 | 1 995 |
| Wettelijke reserve | 17 696 | 17 769 |
| Onbeschikbare reserves | 127 947 | 103 027 |
| Beschikbare reserves en overgedragen resultaten | 391 875 | 445 974 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 64 881 | 53 710 |
| Schulden | 1 527 940 | 1 470 207 |
| Schulden op meer dan een jaar | 795 764 | 820 764 |
| Schulden op ten hoogste een jaar | 732 176 | 649 443 |
| Totaal der passiva | 2 346 540 | 2 307 649 |
De waarderings- en omrekeningsregels toegepast in de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap zijn gebaseerd op het Belgisch boekhoudrecht.
De omzet van de in België gevestigde vennootschap bedroeg € 409,9 miljoen, een stijging met 14% in vergelijking met 2016.
De operationele winst vóór niet-recurrente resultaten bedroeg € 22,9 miljoen, vergeleken met een verlies van € -8,1 miljoen vorig jaar. De sterke stijging van het operationeel resultaat was hoofdzakelijk gedreven door een hogere omzet en verbeterde marges.
De niet-recurrente elementen in de operationele resultaten bedroegen € 49,6 miljoen in 2017, vergeleken met € -3,9 miljoen vorig jaar. De belangrijkste reden hiervoor is de winst op een verkoop van immateriële vaste activa (intellectuele eigendom m.b.t. zaagdraad) van € 51,6 miljoen.
Het financieel resultaat bedroeg € -4,0 miljoen tegenover € -49,1 miljoen in 2016, welke hoofdzakelijk het gevolg was van een niet-recurrente nettoimpact van de BBRG-fusie.
De belastingen op het resultaat van € 3,7 miljoen zijn stabiel in vergelijking met vorig jaar en vallen positief uit als gevolg van een belastingskrediet op investeringen.
Dit leidde tot een perioderesultaat van € 91,4 miljoen in vergelijking met € -24,3 miljoen in 2016.
De voorzieningen voor milieusaneringsprogramma's zijn gedaald tot € 19,9 milljoen (2016: € 22,2 miljoen).
Meer informatie omtrent de activiteiten van de Onderneming inzake onderzoek en ontwikkeling vindt u in het hoofdstuk 'Technologie en Innovatie' in het 'Verslag van de Raad van Bestuur'.
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft NV Bekaert SA aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,50% toegevoegd. Hierna volgt een overzicht van de actuele kennisgevingen. Op 31 december 2017 bedroeg het totale aantal effecten met stemrecht 60 373 841.
Gedetailleerde informatie kan gevonden worden op: http://www.bekaert.com/other-regulated-information.
| Aantal | Percentage | |||
|---|---|---|---|---|
| Kennisgeving van | Kennisgever | Noemer | stemrechten | stemrechten |
| 13 maart 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 812 832 | 3,00% |
| 17 maart 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 769 896 | 2,93% |
| 17 maart 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 868 788 | 3,10% |
| 17 maart 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 795 943 | 2,98% |
| 28 maart 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 816 451 | 3,01% |
| 4 april 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 745 054 | 2,89% |
| 10 april 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 844 509 | 3,06% |
| 13 april 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 749 389 | 2,90% |
| 25 april 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 822 693 | 3,02% |
| 26 april 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 843 543 | 3,05% |
| 28 april 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 785 252 | 2,96% |
| 1 mei 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 928 886 | 3,20% |
| 9 mei 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 610 605 | 2,67% |
| 22 mei 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 822 074 | 3,02% |
| 24 mei 2017 | Norges Bank | 60 347 525 | 1 756 611 | 2,91% |
Het resultaat van het boekjaar na belastingen bedraagt € 91 404 574 tegenover € -24 314 992 vorig boekjaar.
De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering van 9 mei 2018 het resultaat als volgt zal bestemmen:
| in € | |
|---|---|
| Te bestemmen resultaat van het boekjaar | 91 404 574 |
| Toevoeging aan de wettelijke reserve | -73 300 |
| Toevoeging aan de overige reserves | -29 177 832 |
| Uit te keren winst | 62 153 442 |
De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering een brutodividend zal uitkeren van € 1,10 per aandeel (2016: € 1,10 per aandeel).
Het dividend is in euro betaalbaar op 15 mei 2018 bij de loketten van:
De ambtstermijn van de onafhankelijke bestuurders de heer Alan Begg en mevrouw Mei Ye en de bestuurder de heer Matthew Taylor vervallen na afloop van de Gewone Algemene Vergadering van 9 mei 2018.
De Raad van Bestuur heeft de Algemene Vergadering voorgesteld:
| Rajita D'Souza | Chief Human Resources Officer |
|---|---|
| Beatríz García-Cos Muntañola | Chief Financial Officer |
| Lieven Larmuseau | Algemeen Directeur Rubber Reinforcement Business Platforms |
| Jun Liao | Algmeen Directeur Noord-Azië |
| Matthew Taylor | Chief Executive Officer |
| Geert Van Haver | Chief Technology & Engineering Officer |
| Piet Van Riet | Algemeen Directeur Industrial and Specialty Products Business Platforms |
| Curd Vandekerckhove | Algemeen Directeur Global Operations & Fit for Growth |
| Stijn Vanneste | Algemeen Directeur Europa, Zuid-Azië en Zuid-Oost-Azië |
| Frank Vromant | Algemeen Directeur Americas |
| Jan Boelens | Senior Vice President Industrial Products & Specialty Steel Wire Europe |
|---|---|
| Bruno Cluydts | Senior Vice President Strategical Projects BBRG |
| Philip Eyskens | Senior Vice President Legal, IT and Mergers & Acquisitions |
| Oliver Forberich | Chief Marketing Officer & Senior Vice President Stainless Technologies |
| Ton Geurts | Chief Purchasing Officer & Senior Vice President Supply Chain Excellence |
| Bruno Humblet | Chief Executive Officer BBRG |
| Yvan Lippens | Senior Vice President Rubber Reinforcement Europe |
| Patrick Louwagie | Senior Vice President Global Engineering |
| Dirk Moyson | Senior Vice President Manufacturing Excellence |
| Steven Parewyck | Senior Vice President Latin America |
| Raf Rentmeesters | Senior Vice President Brazil |
| Luc Vankemmelbeke | Chief Operating Officer BBRG |
| Geert Voet | Chief Strategy Officer BBRG & EVP Latam, ANZO & SEA BBRG |
| Zhigao Yu | Senior Vice President Technology & Engineering China |
Isabelle Vander Vekens
Deloitte Bedrijfsrevisoren
Katelijn Bohez
www.bekaert.com [email protected] T +32 56 76 61 00 [email protected] [email protected]
Het jaarverslag betreffende het boekjaar 2016 is beschikbaar op het internet in het Engels en het Nederlands op annualreport.bekaert.com
Uitgever & Coordinatie: Katelijn Bohez, Chief Communications & Investor Relations Officer
Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep gedeeld door het aantal uitstaande aandelen op balansdatum.
Brutodividend als een percentage van de aandelenkoers op 31 december.
Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation).
Bedrijfsresultaat gedeeld door de nettorentelasten.
Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation) vóór bedrijfsopbrengsten en –kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieuvoorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben.
Bedrijfsresultaat (EBIT) + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill.
Bedrijfscashflow vóór bedrijfsopbrengsten en –kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieu-voorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben.
Waarderingsmethode waarbij de deelneming (in een joint venture of geassocieerde onderneming) initieel opgenomen wordt tegen kostprijs en later aangepast wordt voor wijzigingen in het aandeel van de investeerder in de nettoactiva (= het eigen vermogen) van de joint venture of geassocieerde onderneming. De winst-en-verliesrekening toont het aandeel van de investeerder in het nettoresultaat van de joint venture of geassocieerde onderneming.
Ondernemingen waarin Bekaert de zeggenschap heeft en over het algemeen meer dan 50% van de stemrechten bezit.
Eigen vermogen in verhouding tot totaal activa.
Nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen.
Ondernemingen waarin Bekaert een invloed van betekenis heeft, meestal vertegenwoordigd door een belang van minstens 20%. Geassocieerde ondernemingen worden gewaardeerd volgens de equity-methode.
De kost van het vreemd vermogen en de kost van het eigen vermogen gewogen met een beoogde gearing-ratio (nettoschuld/ eigen vermogen) na belastingen (gebruik makend van een doelbelastingvoet van 27%). Bekaert berekent een WACC voor zijn drie belangrijkste vreemde munten (EUR, USD en CNY), het gemiddelde ervan (7,6%) werd afgerond naar 8% als langetermijndoelstelling (weighted average cost of capital).
Som van de geconsolideerde vennootschappen plus 100% van de joint ventures en de geassocieerde ondernemingen, na eliminatie van onderlinge transacties (indien van toepassing). Voorbeelden: omzet, investeringen, personeelsaantal.
Ondernemingen met een gezamenlijke zeggenschap waarbij Bekaert ongeveer 50% bezit. Joint ventures worden gewaardeerd volgens de equity-methode.
Werkkapitaal + nettoboekwaarde van goodwill, immateriële en materiële vaste activa. Het gemiddeld kapitaalgebruik wordt gewogen met het aantal perioden dat een entiteit bijgedragen heeft tot het geconsolideerd perioderesultaat.
Nettoschuld + eigen vermogen.
Rentedragende schulden, veminderd met vorderingen uit leningen, geldbeleggingen, financiële vorderingen op ten hoogste één jaar en kaswaarborgen op meer dan één jaar, geldmiddelen en kasequivalenten.
Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gewogen gemiddeld kapitaalgebruik. (Return on Capital Employed).
Perioderesultaat in verhouding tot gemiddeld eigen vermogen (Return on Equity).
NOPLAT op geïnvesteerd kapitaal. NOPLAT is EBIT na belastingen (gebruik makend van een doelbelastingvoet van 27%) en omvat ook het aan de Groep toerekenbare deel van de NOPLAT van de joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Het geïnvesteerd kapitaal is de som van het totaal eigen vermogen, de nettoschuld, de voorzieningen voor personeelsbeloningen op meer dan één jaar en de andere voorzieningen op meer dan één jaar en omvat ook het aan de Groep toerekenbare deel van de nettoschuld van de joint ventures en geassocieerde ondernemingen.
Bedrijfsresultaat (EBIT) + bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill.
Voorraden + handelsvorderingen + ontvangen bankwissels + betaalde voorschotten - handelsschulden – ontvangen voorschotten – schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid – belastingen m.b.t. personeel.
De ondertekenende personen verklaren dat, voorzover hen bekend:
Namens de Raad van Bestuur:
Matthew Taylor Bert De Graeve
Gedelegeerd Bestuurder Voorzitter van de Raad van Bestuur
Dit rapport kan toekomstgerichte verklaringen bevatten. Die verklaringen reflecteren de huidige inzichten van de bedrijfsleiding aangaande toekomstige gebeurtenissen, en zijn onderhevig aan bekende en onbekende risico's, onzekerheden en andere factoren die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten aanzienlijk verschillen van toekomstige resultaten of prestaties die door die toekomstgerichte verklaringen worden uitgedrukt of die daaruit zouden kunnen worden afgeleid. Bekaert verstrekt de in dit rapport opgenomen informatie per huidige datum en neemt geen enkele verplichting op om de toekomstgerichte verklaringen in het licht van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderszins te actualiseren. Bekaert wijst elke aansprakelijkheid af voor verklaringen die door derden worden afgelegd of gepubliceerd, en neemt geen enkele verplichting op om onnauwkeurige gegevens, informatie, conclusies of opinies te corrigeren die door derden worden gepubliceerd met betrekking tot dit of enig ander rapport of persbericht dat door Bekaert wordt verspreid.
Bezoek: http://www.bekaert.com/financialcalendar
www.bekaert.com
Shareholders' Guide 2017: investor's data center on bekaert.com
Bekaertstraat 2 BE-8550 Zwevegem Belgium T +32 56 76 61 00
[email protected] www.bekaert.com
© Bekaert 2018
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.