Annual Report • Mar 25, 2016
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
Beste lezer,
2015 was voor Bekaert een jaar van sterke groei. We realiseerden 14% omzetgroei en behaalden een geconsolideerde omzet van € 3,7 miljard. Het operationeel resultaat (REBIT) steeg met 36% tot € 223 miljoen, met een marge van meer dan 6%. De solide prestaties resulteerden in een sterke operationele cash generatie, zodat we de nettoschuld konden verminderen, ondanks de aanzienlijke acquisities en investeringen van het afgelopen jaar.
We versterkten onze leiderspositie in de bandenmarkten danzij de integratie van Pirelli's staalkoordactiviteiten, Bekaerts grootste acquisitie ooit. We versterkten ook onze positie in mijnbouwmarkten door de overname en integratie van een staalkabelfabriek in Australië en de grootste deal, de aangekondigde fusie van de staalkabel- en advanced cords activiteiten van Bekaert en Bridon is nog in afhandeling.
We zijn ook uit enkele business gestapt het afgelopen jaar en spitsten onze focus toe op die delen van de business waar we echt onze sterktes kunnen benutten en waarde kunnen creëren. We hebben een aantal partnerschappen beëindigd die teveel complexiteit zonder toegevoegde waarde creëerden en onze opties voor de toekomst beperkten. Dus namen we het volle aandeelhouderschap of troffen voorbereidingen om eruit te stappen.
In 2015 verhoogden we de mix van innovatieve producten met hogere toegevoegde waarde, die de totale kost voor onze klanten verminderen. Dit was vooral belangrijk in het groeitraject van de staalkoorden zaagdraadactiviteiten.
Onze globale, interne transformatieprogramma's winnen aan impact naargelang de snelheid en het toepassingsgebied doorheen de organisatie toenemen. Het Bekaert manufacturing excellence programa, bijvoorbeeld, is gericht op het verhogen van het concurrentievermogen door de veiligheid, kwaliteit, leverbetrouwbaarheid en productiviteit van de onderneming te verbeteren. We zien duidelijke voordelen in dit programma dat we begin 2014 opgestart hebben en uitrollen in al onze fabrieken wereldwijd, over een periode van 4 jaar. Onlangs lanceerden we ook een customer excellence programma om groei en margeperformantie te stuwen. Door de noden van onze klanten beter te begrijpen en beantwoorden kunnen we meer waarde voor hen creëren en halen we beiden voordeel uit dit programma, nu en in de komende jaren.
We hebben vertrouwen in de impact en het potentieel van deze onderliggende programma's. Ze liggen mee aan de basis van onze sterke prestaties in 2015, en het vertrouwen in ons vermogen om zelfs beter te doen in 2016. We zijn klaar om opnieuw een belangrijke stap in de richting van onze 7% REBIT doelstelling te zetten.
Op basis van de financiële resultaten van 2015 en het vertrouwen in de gevolgde richting, heeft de Raad van Bestuur beslist aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders in mei 2016 een bruto dividend van € 0,90 per aandeel voor te stellen. Met deze dividendverhoging, willen we ons engagement beklemtonen in het laten terugvloeien van waarde naar onze aandeelhouders in ruil voor het kapitaal dat ze ons verschaffen om onze business te runnen en te laten groeien.
We willen onze klanten, partners en aandeelhouders bedanken voor hun blijvend vertrouwen. En we willen onze medewerkers bedanken voor hun engagement en gedrevenheid om de uitdagingen aan te gaan om onze objectieven te bereiken.
Bert De Graeve - Voorzitter van de Raad van Bestuur
Matthew Taylor - Gedelegeerd Bestuurder
De voornaamste taken van de Raad van Bestuur zijn het bepalen van het algemeen beleid van de onderneming, het goedkeuren van de strategie en het opvolgen van de activiteiten. De Raad van Bestuur is het belangrijkste beslissingsorgaan van de onderneming. Enkel aangelegenheden die door de wet of de statuten zijn voorbehouden aan de Algemene Vergadering van aandeelhouders, vallen niet onder zijn bevoegdheid. De Raad van Bestuur telt momenteel veertien leden.
Op 13 mei 2015 werd de heer Gregory Dalle benoemd tot lid van de Raad van Bestuur, terwijl de heer Roger Dalle op dezelfde dag met pensioen ging, na 17 jaar lid geweest te zijn van de Raad van Bestuur van Bekaert.
Op 26 februari 2016 droeg de Raad van Bestuur zes nieuwe bestuurders voor die ter goedkeuring voorgesteld zullen worden aan de Algemene Vergadering van aandeelhouders op 11 mei 2016. Deze benoemingen zijn een gevolg van een grondig successieplanningsproces dat gericht is op het verzekeren van een Raad van Bestuur met een brede internationale, professionele vertegenwoordiging. De kandidaten zullen bijdragen tot de complementariteit, onafhankelijkheid en diversiteit van de professionele ervaring in de Raad van Bestuur en zal haar samenstelling grondig wijzigen.
De bestuurdersmandaten van Lady Barbara Judge en de heren François de Visscher, Bernard van de Walle de Ghelcke, Baudouin Velge en Manfred Wennemer vervallen op de Algemene Vergadering van aandeelhouders van 11 mei 2016. Zij zijn niet herverkiesbaar of wensen hun mandaat niet te hernieuwen.
Na goedkeuring van de voorgedragen benoemingen door de Algemene Vergadering van aandeelhouders, zal de Raad van Bestuur van Bekaert vanaf 11 mei 2016 vijftien leden tellen. Hun professioneel profiel zal verschillende vakgebieden omvatten, zoals recht, business, industriële activiteiten, banking & investment banking, marketing & sales, HR en consultancy.
Van links naar rechts: Bernard van de Walle de Ghelcke, François de Visscher, Lady Barbara Judge, Manfred Wennemer, Baudouin Velge.
De heer Bert De Graeve, Voorzitter De heer Matthew Taylor, Gedelegeerd bestuurder
Mevrouw Celia Frances Baxter (1) (2) De heer Alan Begg (2) De heer Leon Bekaert De heer Grégory Dalle De heer Charles de Liedekerke De heer Christophe Jacobs van Merlen (1) De heer Hubert Jacobs van Merlen De heer Maxime Jadot Mevrouw Pamela Knapp (1) (2) Mevrouw Martina Merz (1) (2) Mevrouw Emilie van de Walle de Ghelcke (1) De heer Henri Jean Velge (1) Mevrouw Mei Ye (2)
(1) Na goedkeuring door de Algemene Vergadering van aandeelhouders (2) Onafhankelijke bestuurders
Het Bekaert Group Executive draagt de operationele verantwoordelijkheid voor de activiteiten van de onderneming en treedt op onder toezicht van de Raad Van Bestuur. Het uitvoerend management wordt voorgezeten door Matthew Taylor, Gedelegeerd Bestuurder.
Van links naar rechts - eerste rij: Matthew Taylor, Bruno Humblet, Lieven Larmuseau, Curd Vandekerckhove 2 de rij: Geert Van Haver, Piet Van Riet, Frank Vromant, Bart Wille
Bruno Humblet, Chief Financial Officer en Algemeen Directeur Regio Latijns-Amerika, zal Gedelegeerd Bestuurder worden van de aangekondigde Bridon Bekaert Ropes Group. Deze benoeming is afhankelijk van, en treedt in voege vanaf de voltooiing van de fusie. Bruno zal uit het Bekaert Group Executive treden.
De benoeming van een nieuwe CFO zal binnenkort aangekondigd worden.
Stijn Vanneste werd gepromoveerd tot Algemeen Directeur Europa, Zuid-Azië en Zuidoost-Azië. Hij zal vanaf april 2016 toetreden tot het Bekaert Group Executive. Stijn vervoegde Bekaert in 1995 en vervulde verschillende internationale management functies in de Group, vooraleer hij zijn huidige rol als Senior Vice President Manufacturing Excellence opnam.
Het Bekaert Group Executive zal vanaf het tweede kwartaal van 2016 negen leden tellen en zal als volgt samengesteld zijn:
Bekaert is een wereldmarkt- en technologisch leider in staadraadtransformatie en deklaagtechnologieën. Door het continu creëren van toegevoegde waarde streven we ernaar de voorkeurleverancier voor
staaldraadproducten en –oplossingen te zijn voor onze klanten wereldwijd. Bekaert (Euronext Brussels: BEKB) werd opgericht in 1880 en is een globale onderneming die wereldwijd bijna 30 000 medewerkers telt, met hoofdzetel in België en een jaaromzet van € 4,4 miljard.
Staaldraad … We transformeren het, passen geavanceerde deklaagtechnologieën toe, en specialiseren ons in het voortdurend verbeteren van alle mogelijke eigenschappen van staaldraadproducten. Ontdek de Wereld van Bekaert.
Bekaert past unieke technologieën toe om op wereldwijde schaal een kwaliteitsportefeuille van getrokken staaldraadproducten en deklaagoplossingen aan te bieden. We kopen jaarlijks meer dan 3 miljoen ton walsdraad, onze belangrijkste grondstof, aan.
Afhankelijk van de wensen van onze klanten, trekken we draad tot diverse diameters en sterktes, zelfs tot ultrafijne vezels van één micron. We bundelen draden tot koord, kabels en strengen, weven of breien ze tot een weefsel of verwerken ze als eindproduct. Onze producten verminderen wrijving, verhogen de corrosiebestendigheid of bevorderen de adhesie met andere materialen.
better together beschrijft de unieke samenwerking tussen Bekaert en haar zakenpartners. We creëren waarde voor onze klanten door het leveren en co-creëren van een kwaliteitsportfolio van staaldraadoplossingen en door het bieden van dienstverlening op maat in alle continenten. We geloven in blijvende relaties met onze klanten, leveranciers en andere stakeholders en we verbinden ons ertoe om hen langetermijn waarde te leveren. We zijn ervan overtuigd dat de veerkracht, het vertrouwen en de integriteit die onze medewerkers wereldwijd verenigen als één team, de fundamenten vormen van duurzame en succesvolle partnerschappen waar ook ter wereld.
Onze strategie is erop gericht om consistent waarde te creëren voor onze aandeelhouders, door op een kostefficiënte manier superieure waarde te creëren voor onze klanten.
Onze visie en kernstrategieën vormen de fundamenten van een transformatie van onze business naar een hoger performantieniveau. Ze waren de basis van de prioriteiten en de acties van het bedrijf in 2015 en zullen onze focus blijven sturen in de komende jaren.
Geleid door onze better together aspiratie streven we er onophoudelijk naar om de voorkeurleverancier te zijn voor onze staaldraadproducten en –oplossingen. We doen dit door voortdurend superieure waarde te creëren voor onze klanten wereldwijd.
Met deze visie verklaring heeft Bekaert expliciet haar 'field of play' vastgelegd: het beschrijft wat we willen zijn, waarin we competitief willen zijn en investeren, en hoe we ons willen onderscheiden.
Vijf kernstrategieën vormen de basis van Bekaerts prioriteiten en beslissingsprocessen die gericht zijn op het creëren van waarde en groei. Deze strategieën brengen onze visie in de praktijk en reflecteren de richting en de prioriteiten voor de onderneming:
De visie en strategieën werden eind 2014 bepaald om richting en focus te geven aan Bekaerts transformatieproces naar waardegedreven groei. Dit transformatieproces heeft ervoor gezorgd dat onze teams sneller reageren, beter prioriteiten leggen en focussen op het opleveren van de vijf kernstrategieën.
Terwijl Bekaerts transformatieproces pas in 2015 gestart is, beginnen de veranderingsprocessen die de visie en strategieën van de onderneming ondersteunen een grotere impact te vertonen op vlak van schaal en snelheid. De resultaten, waarvan we verwachten dat ze hun volle potentieel zullen bereiken in de komende jaren, tonen hun effectiviteit al in recente beslissingen over de business portfolio, verschillende pilootprogramma's en de sterke financiële prestaties van Bekaert in 2015.
Bekaert heeft altijd geloofd in samenwerking en co-creatie met klanten, als drijfveren van duurzame partnerschappen en klantentevredenheid.
Uitmuntendheid in de toelevering aan Pirelli Tyre werd in 2015 voor het Bekaert Rubber Reinforcement team een van de prioriteiten in de missie om de bandenindustrie te voorzien van doorgedreven kwaliteit en uitstekende service. Bekaert is al jaren een vertrouwde partner van de bandenindustrie en heeft haar rol als voorkeurleverancier bewezen. De Pirelli deal was uniek omdat het de eerste keer in de geschiedenis was dat een bandenproducent zijn volledige geïntegreerde staalkoord capaciteit ineens verkocht.
Hoewel deze voorbeelden Bekaerts duidelijke ambitie illustreren om te voldoen aan de noden en verwachtingen van klanten, weten we dat we beter kunnen doen. In 2016 zullen we veel explicieter de nadruk leggen op commerciële uitmuntendheid. We maken er een prioriteit van ons transformatieproces, omdat we geloven dat we kunnen verbeteren in het centraal stellen van de klant in alles wat we doen. In 2015 werd een globaal customer excellence programma ontwikkeld dat ons zal helpen om vier objectieven te bereiken: een klantgerichte mindset doorheen Bekaert verankeren, ons onderscheiden in de markt, duurzame rendabele groei aansturen door superieure klantenwaarde aan te bieden, en een uitstekende commerciële organisatie uitbouwen. Het programma werd begin 2016 gelanceerd.
In 2015 hebben we onze productenportefeuille geanalyseerd en gescreend ten opzichte van de elementen die de kern van onze visie vormen en hebben we de strategische plannen bepaald die de Groep in staat zullen stellen om in de vooropgestelde richting vooruitgang te boeken. In de implementatie van deze strategie heeft Bekaert prioriteiten gesteld van waar we willen groeien en hoe we superieure waarde kunnen bieden om ons te onderscheiden van de concurrentie.
In 2015 beoogden en boekten we organische groei in, onder andere, onze rubberversterkings- en zaagdraadactiviteiten. Bekaert is een voorkeurleverancier van de bandenindustrie dankzij voortdurende innovatie en het leveren van continue kwaliteit en uitstekende service. In 2015 hebben we met succes meerwaarde toegevoegd aan de product-mix door meer geavanceerde producten te lanceren die de totale kost in de waardeketen verlagen. Bekaerts waardevoorstel in zaagdraadmarkten is gebaseerd op die objectieven en sterktes. Innovatie in de product-mix met een nieuwe generatie zaagdraad die de totale kost verlaagt, maakte deel uit van onze groeiaanpak. Bekaerts technologisch leiderschap in deze markt laat onze Chinese operaties ook toe om de nieuwe producttypes te maken met Chinese walsdraad, zodat ons aanbod niet afhankelijk is van de kost en wisselkoerseffecten van imports.
Belangrijke fusies en acquisities in businesses waar we actief groei zoeken, en het desinvesteren van activiteiten waar Bekaert niet in staat was om waarde te creëren, droegen ook bij aan de verbetering van Bekaerts business portfolio.
Op 7 December 2015 kondigden we de voorziene fusie aan van de kabel- en advanced cords activiteiten van Bekaert en Bridon. De Bridon Bekaert Ropes Group zal na de finale afronding van de deal opgericht worden als een 67/33 joint venture tussen Bekaert en Ontario Teachers' Pension Plan. De geplande fusie is gericht op het benutten van de schaalgrootte en de complementaire sterkten van Bekaert en Bridon door hun staalkabel- en advanced cords capaciteiten samen te voegen. Na afronding zal de transactie ongeveer € 350 miljoen op jaarbasis toevoegen aan de geconsolideerde omzet van Bekaert. De definitieve fusieovereenkomst is onderhevig aan de gebruikelijke closing voorwaarden waaronder gereglementeerde goedkeuringen, en zal naar verwachting afgerond worden in de eerste helft van 2016. Voorafgaand aan de afronding zullen beide businesses afzonderlijk opereren en hun klanten autonoom blijven bedienen.
De derde kernstrategie betreft het versnellen van Bekaerts technologisch leiderschap en marktintroductietijd van focusproducten en –processen.
In 2015 hebben Bekaert en University College Dublin (UCD) het Bekaert University Technology Centre opgericht. Het nieuwe, gezamenlijke UCD-Bekaert centrum, gevestigd in de UCD School of Mechanical and Materials Engineering, zal zich richten op onderzoek van wereldklasse in de karkateristieken, het ontwerp en de optimalisatie van materialen, componenten en processen, wat uiteindelijk moet leiden tot de volgende generatie draadproducten. Dit initiatief tilt onze onderzoekssamenwerking naar een hoger niveau en steunt een bredere scope van fundamenteel onderzoek. Het verzekert ook dat het onderzoek snel en succesvol wordt toegepast in onze processen en producten. Productcycli worden korter en de volgende generatie producten komen sneller op de markt.
Bekaert heeft de testscope uitgebreid van haar revolutionaire nieuwe deklaag op staalkoord voor banden, TAWI® of 'Ternary Alloy Wire coating'. Deze nieuwe Cu-Zn-Co deklaag vermindert het volume kobaltzout in banden met 80%. Begin 2015 werd de met een patent beschermde uitvinding genomineerd voor de prestigieuze 'Tire Technology of the Year 2015' prijs. TAWI® heeft ook brons gewonnen in de Belgian Business Award for the Environment, georganiseerd door de Belgische Vereniging voor Ondernemingen VBO, in de categorie Producten. TAWI® mag hierdoor deelnemen aan de European Business Award for the Environment competitie in 2016.
Met deze kernstrategie willen we onze schaal beter benutten, door complexiteit te verminderen en ons meer te richten op onze opportuniteiten en sterktes, met sterk doorgedreven standaardisatie.
Bekaert heeft in 2015 de implementatie opgestart van een globaal productieuitmuntendheidsprogramma om een meer gestandaardiseerde methodologie in onze operaties te creëren, om kwaliteit en oplevering te verzekeren, om veiligheid te verbeteren, om capaciteit vrij te maken en om kost-efficiëntie te verhogen doorheen de business, onder andere door de productdiversiteit (SKUs) per fabriek beter te beheren en toe te wijzen. Het programma werd gelanceerd in twee pilootfabrieken in België en China. Het toepassingsgebied van de implementatie werd in de loop van 2015 uitgebreid naar bijkomende fabrieken in Slovakije, China de Verenigde Staten en Ecuador en blijft toenemen in scope en impact. Het programma heeft leidt tot een hoog niveau van betrokkenheid en ideeëngeneratie in alle operaties. Het programma loopt voor op schema dankzij de enthousiaste deelname van de teams en de veelbelovende resultaten die hun vruchten beginnen af te werpen.
Met deze vijfde strategie willen we verzekeren dat we ons zo kost-efficiënt mogelijk organiseren in het proces om onze klanten de beste waarde-creërende oplossingen te bieden.
Bekaert is sterk aanwezig in verschillende sectoren. Daardoor zijn we minder gevoelig voor sector-specifieke trends en het is ook een voordeel voor onze klanten. Oplossingen die we ontwikkelen voor klanten in één sector vormen namelijk ook vaak de basis voor innovaties in andere sectoren.
Bekaert staat in dienst van klanten in een veelheid aan sectoren met een uniek portfolio van getrokken staaldraadproducten, gecoat om zo optimaal mogelijk aan de noden van de toepassingen te voldoen. Bekaerts staaldraad wordt gebruikt in auto's en vrachtwagens, in liften en mijnen, in tunnels en bruggen, thuis en op kantoor, in machines en in offshore. Als iets rijdt, stijgt, hijst, filtert, versterkt, afbakent of vastmaakt, dan is er een grote kans dat het Bekaert producten bevat.
| Gezamenlijke omzet: | € 1 227 miljoen |
|---|---|
| Investeringen in materiële vaste activa: | € 48 miljoen |
| Totale activa: | € 884 miljoen |
| Medewerkers: | 7 300 |
De economie in Europa verbeterde in 2015, weliswaar met verschillen tussen de Europese lidstaten. Het herstel werd ondersteund door de lagere olieprijzen, de kwantitatieve versoepeling toegepast door de Europese Centrale Bank en een relatief lage euro, waardoor exports uit eurolanden competitiever werden. De gematigde opleving blijft echter fragiel, gezien de toegenomen economische, financiële en politieke onzekerheden.
De automobiel- en bouwsector, markten die cruciaal zijn voor de welvaart van Europa en uitermate belangrijk voor Bekaerts activiteiten, kenden een sterke vraag gedurende 2015. Energiegerelateerde sectoren verzwakten als gevolg van een terugval van de olie- en gassector.
Bekaert is aanwezig in zowel de mature West-Europese markten als in Centraal- en Oost-Europa. We bieden een hoogwaardig portfolio van geavanceerde staaldraadproducten aan voor sectoren die op zoek zijn naar sterkere, veiligere en lichtere materialen. Er zijn dan ook steeds opportuniteiten voor innovatiegerichte technologieën.
De politieke instabiliteit in Rusland, de devaluatie van de roebel en de drastische afname van olie-inkomsten maakten dat de Russische economie in een recessie belandde. Bekaerts activiteiten in Rusland presteerden goed in 2015: de handelsbeperkingen hebben onze business continuïteit en groei niet aangetast aangezien Bekaert Lipetsk lokaal aankoopt, produceert en verkoopt.
De Europese marktvraag was in de meeste sectoren sterk gedurende het hele jaar 2015. Vooral de automobielsector zorgde voor volumegroei van staalkoord en andere staaldraadtoepassingen in de regio. Bekaerts activiteiten in EMEA leverden excellente resultaten op, gedreven door de sterke volumegroei en een gunstige product-mix. De succesvolle integratie van de staalkoordvestigingen overgenomen van Pirelli in Italië, Roemenië en Turkije was goed voor een groei van 14% en versterkte EMEA's solide, dubbelcijferige winstgevendheid. Het bouwproductenplatform leverde stevige groeicijfers op en de meeste andere industriële staaldraadactiviteiten presteerden op hetzelfde sterke niveau als in 2014. Bekaert tekende een REBIT-stijging voor de regio op van 22% en tilde de winstmarges naar een recordhoogte van 11,3%. De investeringsuitgaven bedroegen € 48 miljoen en betroffen capaciteitsuitbreidingen en moderniseringen, voornamelijk in Slovakije en België
Bekaert heeft de staalkoordvestigingen, overgenomen van Pirelli in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië), en Izmit (Turkije), succesvol geïntegreerd. De integratie van deze staalkoordactiviteiten en Bekaerts langetermijncontract met Pirelli bevestigen de status van Bekaert als een belangrijke leverancier voor de bandenindustrie en heeft de bijdrage van de regio EMEA aan de geconsolideerde cijfers van de Groep verder verhoogd.
Eind 2015 kondigden Bekaert en Ontario Teachers' Pension Plan de geplande fusie aan van de wereldwijde kabel en advanced cords activiteiten van Bekaert en Bridon via de oprichting van een nieuwe joint venture: Bridon Bekaert Ropes Group. De fusieovereenkomst is onderworpen aan de gebruikelijke closing voorwaarden waaronder gereglementeerde goedkeuringen. Na afronding zal Bekaert in Europa de advanced cords activiteiten in Aalter (België) inbrengen. Ontario Teachers' Pension Plan zal haar volle eigendomsbelang in Bridon inbrengen in de nieuwe groep. Hun Europese activiteiten behelzen productievestigingen in Doncaster, Newcastle en Coatbridge (VK), Gelsenkirchen (Duitsland) en Tønsberg (Noorwegen).
Bekaert heeft duidelijke prioriteiten gesteld met betrekking tot de domeinen waarin de onderneming verder wil groeien en hoe de business portefeuille kan worden verbeterd. In Europa tonen de M&A activiteiten en de desinvesteringen van 2015 aan hoe Bekaert zich toespitst op die business domeinen waarin we onze sterkten kunnen uitspelen.
De wereldwijde transformatieprogramma's die de visie en de strategieën van Bekaert ondersteunen, vergroten hun impact en snelheid. Ook in Europa:
| Gezamenlijke omzet: | € 593 miljoen |
|---|---|
| Investeringen in materiële vaste activa: | € 55 miljoen |
| Totale activa: | € 335 miljoen |
| Medewerkers: | 1 600 |
De VS tekenden een groei van het BBP op van ongeveer 2,5%, als gevolg van een opleving van de consumentenbestedingen in vergelijking met vorig jaar. Vooral de vraag in de automobielsector was sterk gedurende het hele jaar 2015.
Het herstel van de vraag in de automobielmarkt kon de aanhoudende lage vraag in andere Noord-Amerikaanse industriële en landbouwmarkten niet compenseren. De vraag naar kabelbewapening die afhankelijk is van overheidsinvesteringen voor de hernieuwing van het elektriciteitsnet in de VS bleef laag. Onze kabelactiviteiten in Canada presteerden relatief goed, terwijl onze vestiging in Texas, VS, te kampen had met de daling van de oliewinningsector.
Wisselkoerseffecten deden de omzet met 16% stijgen in Noord-Amerika, terwijl volumes aanzienlijk daalden ten gevolge van de sluiting van de vestiging in Surrey, Canada (einde van het eerste kwartaal 2014) en de brandschade in Rome, Georgia (VS) (november 2014). Bovendien bleven de zwakke landbouw- en industriële staaldraadmarkten wegen op de prestaties van het segment. De winstmarges hebben het gewenste niveau nog niet bereikt door de lage volumebasis en de prijsdruk van concurrerende importstromen.
De investeringsuitgaven bedroegen € 55 miljoen en hadden voornamelijk betrekking op de heropbouw van de vestiging in Rome en de investeringen in de staalkabel- en staalkoordactiviteiten.
Bekaert verwacht betere prestaties in 2016 ten gevolge van acties geïmplementeerd om onze concurrentiekracht in de doelmarkten te verhogen.
Eind 2015 kondigden Bekaert en Ontario Teachers' Pension Plan de geplande fusie aan van de wereldwijde kabel en advanced cords activiteiten van Bekaert en Bridon via de oprichting van een nieuwe joint venture: Bridon Bekaert Ropes Group. De fusieovereenkomst is onderworpen aan de gebruikelijke closing voorwaarden waaronder gereglementeerde goedkeuringen. Na afronding zal Bekaert in Noord-Amerika de WRI kabelfabrieken van Canada en de VS inbrengen. Ontario Teachers' Pension Plan zal haar volle eigendomsbelang in Bridon inbrengen in de nieuwe groep. Hun Noord-Amerikaanse activiteiten behelzen de draad- en staalkabelvestigingen in Exeter, Hanover en Wilkes Barre (PA, VS).
In oktober 2015 werd de hieldraadfabriek in Rome, Georgia (VS) officieel heropend nadat een brand er structurele schade aangericht had in 2014. De heropbouw werd in juni 2015 gefinaliseerd en de vestiging werd uitgerust met de meest geavanceerde en hoogperformante productielijnen voor hieldraad. Uitgebreide testen en goedkeuringsprocedures werden uitgevoerd en alle bandenfabrikanten hebben de productie van de nieuwe lijnen goedgekeurd. De vestiging is terug operationeel en heeft hoge ambities om haar sterke positie op de markt voor hieldraad terug te winnen in 2016.
Matthew Taylor, Gedelegeerd bestuurder van Bekaert verklaarde: "Bekaert Rome is vastberaden om opnieuw de voorkeursleverancier voor hieldraad in de Amerikaanse bandenmarkt te worden. Het team toont duidelijk haar betrokkenheid en vastberadenheid en wenst aan te tonen hoe bekaam en ambitieus ze zijn om de Amerikaanse bandenmarkt te beleveren met een optimale kwaliteit en dienstverlening. Hun gedreven mentaliteit van aanpak was aanwezig in alle fases van de heropbouw: van het reinigen tot het herstellen en heropbouwen, tot de installatie van de gloednieuwe machines en het doorlopen van alle goedkeuringsprocedures tijdens de testen."
Matthew Taylor, CEO, en Vlaams Minister-President Geert Bourgeois, knippen het lint op de inhuldiging van de heropening van de fabriek in Rome.
Bekaerts wereldwijd manufacturing excellence programma, dat zich richt op het versterken van onze concurrentiekracht door het optimaliseren van veiligheid, kwaliteit, leverbetrouwbaarheid en productiviteit, werd opgestart in de vestiging in Van Buren (VS). Het programma zal verder uitgerold worden in de regio in 2016 en in de daaropvolgende jaren.
| Gezamenlijke omzet: | € 1 451 miljoen |
|---|---|
| Geconsolideerde omzet | € 764 miljoen |
| Investeringen in materiële vaste activa: | (*) € 24 miljoen |
| Totale activa: | (*) € 582 miljoen |
| Medewerkers: | 7 800 |
(*) geconsolideerde vennootschappen
Terugschroeving van overheidsbudgetten en besparingen op overheidsuitgaven als gevolg van de prijsdalingen voor koper en andere grondstoffen, hebben geleid tot een terugval in de mijnbouw en de openbare infrastructuurmarkten in Latijns-Amerika.
De dalende olieprijzen hebben voor nog meer onzekerheid gezorgd in 2015. Verschillende Latijns-Amerikaanse landen, waaronder Brazilië, Venezuela en Ecuador, zijn sterk afhankelijk van olieopbrengsten die bepaldend zijn voor exportopbrengsten en overheidsinkomsten.
Andere landen hangen af van mijnbouwactiviteiten, zoals Peru, Chili en Colombia, wat hen gevoelig maakt voor een daling van de grondstofprijzen.
2015 werd dan ook gekenmerkt door een drastische vertraging van de economische groei in meerdere Latijns-Amerikaanse economieën, met bijzonder teleurstellende prestaties in Brazilië en Venezuela, waar de depressie blijft aanhouden. Het BNP daalde in de hele regio en leidde tot een regionale daling van de vraag in de infrastructuurmarkten.
Bekaert produceert in Latijns-Amerika een uitgebreide productenportefeuille voor de bouw, mijnbouw, landbouw en een brede waaier aan industriële- en consumentenmarkten in de regio. Bekaert heeft 100% dochterondernemingen en meerderheidsparticipaties in Costa Rica, Ecuador, Colombia, Venezuela, Peru, Chili en Brazilië, alsook joint ventures in Brazilië in een 45/55 partnerschap met ArcelorMittal.
Bekaert startte haar productie-activiteiten in Latijns-Amerika in 1950. Vandaag vertegenwoordigen deze 33% van de gezamenlijke omzet. Eind 2015 telde Bekaert meer dan 7800 medewerkers in de regio.
Bekaerts geconsolideerde omzet in Latijns-Amerika steeg met + 21% dankzij de aanzienlijke impact van acquisities en gunstige wisselkoersschommelingen. Een verbeterde prijs-mix compenseerde de impact van de verrekende lagere grondstofprijzen.
We hebben de voormalige staalkoordvestiging van Pirelli in Sumaré, Brazilië, overgenomen en hebben de acquisities van 2014 volledig geïntegreerd in Brazilië en Costa Rica. De impact van overnames, de verbeterde prijs-mix en de effecten van kostenbesparingen stuwden de winstgevendheid en cash generatie voor de regio.
REBIT en EBITDA stegen met meer dan 75% ten opzichte van 2014. De EBITDA-marge nam in de loop van het jaar toe en bereikte 10% op omzet in de tweede helft van 2015.
Bekaert investeerde € 24 miljoen in materiële vaste activa in de regio en stemde, waar nodig haar, activiteiten af op de economische realiteit.
Bekaerts gezamenlijke omzetgroei was beperkt als gevolg van de aanzienlijke devaluatie van de Braziliaanse real. De prestaties van onze joint ventures in Brazilië overtroffen evenwel de marktgemiddelden in het land.
Ondanks de economische ontwikkelingen in Latijns-Amerika, verwacht Bekaert een blijvend voordeel van onze sterke marktposities, de duurzame kostenbesparingen en de verbeterde business portefeuille.
De verhoogde winstgevendheid, gerealiseerd in 2015 in dalende markten, toont het vermogen van onze teams aan om de competitiviteit en de productenportefeuille in moeilijke economische omstandigheden te verbeteren.
De integratie van de staalkoordvestiging overgenomen van Pirelli in Sumaré, Brazilië heeft vanaf 1 januari 2015 bijgedragen tot Bekaerts financiële cijfers.
Eind 2015 kondigden Bekaert en Ontario Teachers' Pension Plan de geplande fusie aan van de wereldwijde kabel en advanced cords activiteiten van Bekaert en Bridon via de oprichting van een nieuwe joint venture: Bridon Bekaert Ropes Group. De fusieovereenkomst is onderworpen aan de gebruikelijke closing voorwaarden waaronder gereglementeerde goedkeuringen. Na afronding zal Bekaert in Latijns-Amerika de advanced cords activiteiten in Brazilië (Cimaf), Chili (Prodinsa) en Peru (Procables) inbrengen. Ontario Teachers' Pension Plan zal haar volle eigendomsbelang in Bridon inbrengen in de nieuwe groep. Hun Latijns-Amerikaanse verkooporganisatie is gevestigd in Brazilië.
Juan Kohn, lid van de stichtende familie: "Gedurende de afgelopen 75 jaar is Ideal Alambrec geëvolueerd van een familiebedrijf opgericht in de kelder van een huis in Ambato tot één van de belangrijkste leveranciers voor de landbouw-, bouw- en industriële sectoren in Ecuador en in het buitenland. Wat in onze lange geschiedenis echter nooit veranderd is, is de passie voor onze medewerkers, onze klanten, onze aandeelhouders, en de kwaliteit van onze producten en dienstverlening."
Bekaert boekte uit voorzichtigheidsprincipes reeds in 2010 bijzondere afwaarderingen op de activa in Venezuela en past sedert het begin van 2013 hyperinflatieboekhouding en de toepasselijke economische wisselkoers toe in de waardering van de financiële cijfers. Het waarderingsrisico van de betrokken activiteiten is dan ook eerder beperkt. We hebben onze operaties echter noodgedwongen gesloten in februari 2016 als gevolg van een tekort aan grondstoffen. Bekaert garandeert continuïteit van haar activiteiten van zodra mogelijk maar blijft voorzichtig met betrekking tot de houdbaarheid van het economisch klimaat in het land. Onze klanten en ons toegewijd team van medewerkerkers in Venezuela worden zo goed mogelijk ondersteund.
Ideal Alambrec, Bekaerts staaldraadvestiging in Ecuador, heeft haar 75ste verjaardag gevierd in aanwezigheid van haar stichtende leden, overheidsinstanties en vertegenwoordigers van de Kamer van Koophandel. De viering vond plaats in de vestiging in Quito.
Bekaerts dochtervennootschappen in Latijns-Amerika nemen deel aan de wereldwijde excellence programma's die zich richten op het nastreven van waardecreatie doorheen regio's en platformen. Onze Latijns-Amerikaanse entiteiten hebben bovendien initiatieven genomen om op regionale basis hun schaalgrootte beter te benutten door het combineren van hun sterktes en actieplannen bij het aanpakken van gemeenschappelijke uitdagingen.
| Gezamenlijke omzet: | € 1 136 miljoen |
|---|---|
| Geconsolideerde omzet: | € 1 086 miljoen |
| Investeringen in materiële vaste activa: | € 50 miljoen |
| Totale activa: | € 1 269 miljoen |
| Medewerkers: | 10 500 |
De Chinese economie groeide in 2015 aan het traagste tempo in twintig jaar. Structurele veranderingen in de economie, een zwakke algemene vraag, verhoogde handelsbelemmeringen tegen imports uit China en binnenlandse uitdagingen zoals de enorme productieovercapaciteit in verschillende sectoren en de hoge schuldenlast, zorgden voor een daling van het BNP tot onder de 7%.
De vraag in de bandenmarkten was heel zwak in het begin van 2015 maar herstelde zich vooral in de markt van
personenwagenbanden aan het einde van het eerste kwartaal. Structurele binnenlandse overcapaciteit en de commoditisering van oplossingen voor het versterken van vrachtwagenbanden zorgden voor een aanhoudende prijserosie in China.
De vraag van de sector van de zonne-energie in China groeide gestaag in 2015. De vraag naar de nieuwegeneratie zaagdraad, zoals gestructureerde draad, won terrein in de markt.
De economische groei in India nam sterk toe met meer dan 7%. De binnenlandse industriële vraag trok aan na het invoeren van hervormingen om de economie te versterken. Bekaerts staalkoordactiviteiten in India kenden een solide groei door het winnen van marktaandeel in een opverende marktomgeving.
Zuid-Oost-Azië kende aanhoudende solide groei in de meeste landen, hoewel de grootste economie van die regio, Indonesië, aan het traagste tempo in jaren groeide (minder dan 5%). De verwerkende industrie bleef niettemin één van de sterkste bijdragers aan het BNP van het land. Onze activiteiten in Indonesië investeerden in additionele productiecapaciteit om de groei op te vangen.
Bekaert is aanwezig in Pacifisch Azië met productie- en ontwikkelingscentra in China, India, Indonesië, Maleisië, Japan en Australië.
Bekaerts activiteiten in Pacifisch Azië tekenden een omzetgroei op van 12%. Dit was het gevolg van gunstige wisselkoerseffecten en het netto-effect van overnames en desinvesteringen, gedeeltelijk tenietgedaan door lagere volumes als gevolg van een zwakke start van het jaar en doorgerekende lagere grondstofprijzen. De impact van prijserosie in de Chinese bandenmarkten werd geneutraliseerd door een betere product-mix.
Onze activiteiten in Pacifisch Azië realiseerden een sterke margetoename dankzij kostencontrole en een aanzienlijke verbetering van de business portefeuille ten gevolge van: een gevoelige toename van de staalkoord omzet in India en Indonesië; een groeiend aandeel aan producten met hoge toegevoegde waarde; desinvesteringen en overnames; en de eerste effecten van rentabiliteitsherstel in onze staaldraadactiviteiten in Zuid-Oost-Azië.
Bekaert verbeterde de portefeuille in China door het aandeel van producten met hoge toegevoegde waarde zoals tire cord en zaagdraad te verhogen. We herwonnen marktaandeel in de Chinese tire cord markt en hielden gelijke tred met de groeiende vraag in de sector van de zonne-energie. Zaagdraad vertegenwoordigde meer dan 10% van Bekaerts omzet in Pacifisch Azië in 2015.
Bekaert kon haar portefeuille eveneens verbeteren door het desinvesteren van een aantal activiteiten met lage of negatieve marges. We desinvesteerden de activiteiten van de Carding Solutions business (met entiteiten in China en Indië) en de roestvaste staaldraadactiviteiten (met een vestiging in Indië). Bij jaareinde 2015 deconsolideerde Bekaert ook de verlieslatende vennootschappen in Xinyu, China, om de wijziging in controle en de lopende onderhandelingen gericht op een exit van Bekaert te reflecteren. De positieve REBIT impact van de deconsolidatie zal zichtbaar zijn in de financiële cijfers van 2016.
Bekaert nam in 2015 de voormalige Pirelli staalkoordvestiging over in China, de voormalige Arrium kabelfabriek in Australië, en de overige aandelen van partners in meerdere vestigingen, waaronder de Dramix® vestiging in Shanghai, de staaldraadplant in Jiangyin, China, het Dramix® verkoop- en distributie kantoor in Australië/Nieuw-Zeeland, en de Maleisische staaldraaden kabelactiviteiten.
Deze acties en verwezenlijkingen verhoogden de rentabiliteit en cash generatie in Pacifisch Azië aanzienlijk. EBITDA nam met 25% toe tot € 200 miljoen in 2015, aan een EBITDA marge van bijna 20% in de tweede helft van het jaar.
Bekaert heeft in 2015 intensief geïnvesteerd in de regio met een totaal van € 50 miljoen in materiële vaste activa, waaronder tire cord uitbreidingsinvesteringen in India en Indonesië.
Begin 2015 heeft Bekaert de overname aangekondigd van de staalkabelvestiging Arrium Ltd in Newcastle, Australië. De integratie van de Australische kabelactiviteiten versterkt de groeistrategie van Bekaert in staalkabels en zal de Groep in staat stellen een leidende positie in te nemen in de markt van staalkabels voor de mijnbouw. De acquisitie voegt ongeveer € 40 miljoen toe aan de geconsolideerde omzet van Bekaert en werd sedert 1 maart 2015 geïntegreerd.
Eind 2015 kondigden Bekaert en Ontario Teachers' Pension Plan de geplande fusie aan van de wereldwijde kabel en advanced cords activiteiten van Bekaert en Bridon. De fusie-overeenkomst is onderworpen aan de gebruikelijke closing voorwaarden waaronder gereglementeerde goedkeuringen. Na afronding zal Bekaert in Azië de advanced cords activiteiten in Shenyang (China) inbrengen. Ook de verkoop- en klantendiensten van de geïntegreerde staalkabelactiviteiten binnen Bekaerts draadvestigingen in Qingdao (China) en Shah Alam (Maleisië) zullen worden ondergebracht in de nieuwe groep. Ontario Teachers' Pension Plan zal haar volle eigendomsbelang in Bridon inbrengen in de nieuwe groep. Hun Aziatische activiteiten behelzen productievestigingen in Hangzhou (China) en Jakarta (Indonesië).
Bekaerts wereldwijd manufacturing excellence programma dat zich richt op het versterken van onze concurrentiekracht door het optimaliseren van veiligheid, kwaliteit, leverbetrouwbaarheid en productiviteit werd eveneens in Azië uitgerold. In 2015 werd het programma geïmplementeerd in Weihai en in Jiangyin (China) en zal het verder uitgerold worden in de regio in 2016 en in de daaropvolgende jaren. Het recent opgestarte customer excellence programma dat groei en rendement nastreeft, zal eveneens in Azië uitgerold worden als deel van de wereldwijde aanpak.
Innovatie is een belangrijke drijfveer van Bekaerts technologisch leiderschap. Onze activiteiten in dit domein richten zich op het creëren van toegevoegde waarde voor onze klanten ten gunste van het langetermijn succes van onze business en al onze stakeholders. We werken samen met klanten en leveranciers over de hele wereld om zowel bestaande als nieuwe technologieën te ontwikkelen, te implementeren en te upgraden. Luisteren naar onze klanten en begrijpen hoe onze producten in hun productieprocessen en eindproducten functioneren, is uiterst belangrijk om pasklare oplossingen en toegevoegde waarde te ontwikkelen.
Staaldraadtransformatie- en deklaagtechnologieën vormen onze kerncompetenties. Om ons technologisch leiderschap hierin verder te versterken, investeert Bekaert intensief in onderzoek en ontwikkeling en beschouwen wij innovatie als een sleutelfactor in al onze activiteiten en processen.
In 2015 heeft het Bekaert Technology Center zijn 50ste verjaardag gevierd. Een halve eeuw voortdurende inzet voor R&D is een inspiratiebron en aanmoediging geweest voor onze klanten, onze leveranciers en onze operaties om ons te helpen bij onze onophoudelijke zoektocht naar verbetering en innovatie. Door de jaren heen werden sterke samenwerkingsverbanden gesmeed met universiteiten en onderzoeksinstituten wereldwijd.
Begin april 2015 werd Geert Van Haver benoemd tot Chief Technology Officer. Geert vervoegde de Bekaert Groep in 1982 en heeft managementposities bekleed in België, Brazilië, Turkije en China. Geert Van Haver is sinds begin 2014 lid van het Bekaert Group Executive. De technologiecentra van Bekaert streven ernaar om toegevoegde waarde te creëren door procestechnologieën te optimaliseren en staaldraadoplossingen te ontwikkelen die de groei en het leiderschap van onze klanten ondersteunen.
Om ons technologisch leiderschap te behouden en te versterken, zoeken we voortdurend naar nieuwe oplossingen in staaldraadtransformatie- en deklaagtechnologieën. Zelfs na 135 jaar ervaring blijft er veel te ontdekken in onze zoektocht naar de optimale bulk- en oppervlakte-eigenschappen van staaldraad.
Door staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën beïnvloeden we de eigenschappen van staal zoals sterkte, buigzaamheid, vermoeiing, vorm, adhesie en corrosiebestendigheid. Ons doel is om onze klanten oplossingen te bieden met een hoge toegevoegde waarde en veelbelovende perspectieven.
Ten eerste streven we continu naar een vernieuwing van ons productaanbod met innovatieve producten en oplossingen die onze klanten toegevoegde waarde bieden door een betere efficiëntie, installatie-eenvoud en totale kostenbesparing:
In 2015 ontwikkelde Bekaert Murfor® Compact, een nieuw type hoogperformante metselwerkwapening voor de bouwsector. Het is een stevige maas van staalkoord met hoge treksterkte geleverd op rol voor toepassingen met lijm- en dunbedmortel. De sterke structuur van de wapening voorkomt scheurvorming en versterkt het metselwerk. Dit lichte product kan gemakkelijk worden verplaatst en geïnstalleerd. Door de grote lengte kan de installatie sneller en efficiënter verlopen. Daarnaast biedt Murfor® Compact ook voordelen voor het milieu: omdat de wapening op maat kan worden afgesneden, is er praktisch geen materiaalverlies. Dankzij het gebruiksvriendelijke ontwerp, het lichte gewicht en beperkt volume is het de ideale oplossing om metselwerk veilig en efficiënt te versterken.
Murfor® Compact
Murfor® Compact is een uitstekend bewijs van Bekaerts vermogen om ontwikkelingen en technologieën voor één sector te gebruiken als basis voor innovaties in een andere sector. Deze productontwikkeling is gebaseerd op onze ervaring om staalkoord en -draad te verwerken in 2D- of 3D-structuren die kunnen worden ontworpen volgens de vereisten.
In 2015 hebben we de R&D-activiteiten van de staalkoordbusiness die we overnamen van Pirelli geïntegreerd in de globale Bekaert R&D-organisatie. Deze integratieaanpak garandeert de continuïteit van technologische co-ontwikkeling met Pirelli Tyre terwijl we onze globale kennis over procestechnologie opdrijven om onze klanten in de bandenindustrie nog beter van dienst te zijn.
We boekten vooruitgang in de ontwikkeling van onze nieuwe generatie vangrails met optimale energiespreiding. Drie Bekaert draadproducten, ingebed in een thermoplastische matrix, vormen Bekaerts nieuwste type middenbermkabels om frontale ongevallen op snelwegen te vermijden. Het doel is de ernstgraad van letsels te verminderen door een betere spreiding van de energie. De simulatieresultaten over de performantie van de unieke combinatie van deze verschillende Bekaert producten waren veelbelovend. Samen met externe partners voert Bekaert simulaties uit voor Europese snelwegen.
Ten tweede streven we waardecreatie voor onze klanten na, door onze research te richten op de ontwikkeling van producten die de complexiteit, de kost en de impact op het milieu in het productieproces van onze klanten verminderen. We doen dit bij voorkeur in samenwerking met onze klanten.
Bekaert staalkoord met ternaire legeringsdeklaag (Ternary Alloy Wire coating, TAWI® ) behaalde brons in de Belgian Business Award for the Environment van 2015 en is genomineerd voor de European Business Award for the Environment, die in april 2016 wordt uitgereikt.
Bekaert heeft in 2015 de jaarlijkse Allan B. Dove Memorial medaille ontvangen van Wire Association International in de categorie 'ferro-metalen'. Bekaert werd geselecteerd omwille van de technische paper 'Hittebestendige kleurdeklagen voor de nieuwe generatie springveren'. Wire Association International, Inc., is een globale technische organisatie voor professionals uit de draad- en kabelindustrie met als doel de promotie, verzameling en verspreiding van technische informatie, productiegegevens en algemene zakelijke informatie en trends in de industrie. De jaarlijkse awards van WAI erkennen en belonen innovatie en uitmuntendheid in draad- en kabelontwikkelingen, waarbij de meest verdienstelijke papers over de productie van staaldraad van dat jaar worden beloond. Bekaerts paper beschrijft technologische innovatie die toegevoegde waarde creëert voor verenproducenten door hittebestendige, vooraf gecoate verendraad te leveren waarbij een minder doeltreffend post-coating proces bij de klant overbodig wordt.
We danken het Vlaams Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie (IWT) en de Belgische federale regering. De subsidies en stimuli voor R&D-projecten met hooggeschoold wetenschappelijk personeel en onderzoekers in Vlaanderen zijn essentieel voor het behoud van R&D-activiteiten in België.
Er is een groeiende trend in samenwerking met onze strategische klanten, leveranciers en een netwerk van academische onderzoeksinstellingen en universiteiten.
We nemen ook corporate venturing in aanmerking: we scouten bedrijven met opkomende technologieën om mee samen te werken. Deze samenwerkingen kunnen bestaan uit investeringen, licentieovereenkomsten of gezamenlijke ontwikkelingsovereenkomsten. Onze investeringen hierin zijn minderheidsbelangen in jonge startende ondernemingen met innovatieve technologieën die de kerncompetenties van Bekaert kunnen benutten of aanvullen. Daarnaast zijn we voortdurend op zoek naar nieuwe business opportuniteiten. Bekaert beoogt internationale partnerschappen met universiteiten en onderzoekscentra. In 2015 zetten we onze samenwerking met academische instellingen, technologieclusters en onderzoekspartners uit verschillende landen voort om zo een marktgerichte aanpak te verzekeren.
Bekaerts eigen engineering-afdeling speelt een cruciale rol in de optimalisatie en standaardisering van onze productieprocessen en -machines. Deze afdeling ontwerpt, ontwikkelt, installeert en onderhoudt de machine-uitrusting van onze fabrieken wereldwijd.
Nieuwe machines combineren prestatieverbeteringen op verschillende vlakken, zoals productkwaliteit, prestatievermogen en flexibiliteit, kostenefficiëntie, ergonomie, veiligheid en de impact op het milieu. Dit was vooral het geval bij de heropbouw van onze vestiging in Rome (VS) die structureel was beschadigd door een brand in november 2014. Het engineering team werkte met collega's van de vestiging en het Technologiecentrum samen om de Rome vestiging succesvol herop te bouwen en uit te rusten met de modernste, hoogperformante hieldraadproductielijnen.
Bekaert Engineering vierde in 2015 zijn 50ste verjaardag.
Onze ingenieurs en technici gebruiken hun uitgebreide ervaring om de "Bekaert fabriek van de toekomst" te bouwen door te werken aan hoogperformante innovatieve uitrusting tegen een lage operationele kost, machines die een minimale omstellingstijd vereisen en maximale automatiserings- en robotisatiemogelijkheden verzekeren. Geavanceerde sensor- en meetinstrumenten worden meer en meer
geïntegreerd in Bekaerts productie-uitrusting, om de specificatietoleranties in verschillende productiestappen te controleren. Dit verhoogt de testmogelijkheden op het gebied van kwaliteitstesten in alle kritische procesfases.
Voor ons gaat duurzaam ondernemen over economisch succes, de veiligheid en ontwikkeling van medewerkers, milieu-leiderschap, en sociale vooruitgang. Op die manier vertaalt Bekaert duurzaam ondernemen in een voordeel voor alle stakeholders.
Bekaerts wereldwijde strategie voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (CSR: Corporate Social Responsibility) is gebaseerd op vier hoofdpeilers: onze verantwoordelijkheid op de werkplek, op de markt, ten aanzien van het milieu en tegenover de maatschappij. Onze CSR-inspanningen en –activiteiten zijn daarom gericht op de belangen van al onze stakeholders: medewerkers, klanten, aandeelhouders, partners, lokale overheden en de gemeenschappen waarin we actief zijn.
Bekaerts CSR rapport 2015 is gebaseerd op de GRI G4 richtlijnen van GRI's duurzaamheidsrapportering. De certificiëring van het rapport 2015 was nog in behandeling op de dag van de publicatie van dit jaarverslag. Global Reporting Initiative (GRI) is een non-profit organisatie die economische duurzaamheid bevordert. In 2015 werd Bekaert opnieuw erkend voor haar maatschappelijk verantwoord ondernemen door de opname in Ethibel Excellence Index (ESI) Europe – een referentiecriterium voor toppresteerders op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemen gebaseerd op Vigeo's onderzoek – en in die van Kempen SRI.
In 2015 kreeg Bekaert het zilveren erkenningsniveau van Ecovadis toegekend, een onafhankelijk bureau voor duurzaam ondernemen wiens metodologie gebouwd is op internationale standaarden. Hierdoor staat Bekaert in de top 30 van bedrijven die door Ecovadis geëvalueerd werden.
Om topprestaties en de voortdurende ontwikkeling van al onze medewerkers te stimuleren, worden de doelstellingen van de groep omgezet in team- en persoonlijke doelstellingen. Bekaerts performantieopvolgingssysteem laat toe dat de teams en individuen geëvalueerd worden in relatie tot de vastgestelde doelstellingen, maar ook in relatie tot hun manier van werken. In 2015 hebben we een programma opgestart om de aanpak van performantieopvolging te innoveren en regelmatige performantie- en coaching-gesprekken te bevorderen, en om het niveau van empowerment te verhogen. Dit programma zal in de komende jaren verder geïmplementeerd worden in de organisatie.
Bekaert hecht veel belang aan uitdagende carrière- en persoonlijke ontwikkelingsopportuniteiten voor haar medewerkers. Trainingprogramma's omvatten niet alleen technische en job-specifieke trainingen, maar ook leiderschapsmodules die onze medewerkers helpen om zichzelf te ontwikkelen en samen te werken in een globale werkomgeving.
Bekaerts veiligheidsbeleid werd geïntroduceerd aan de hand van het Safety Tree model en opgevolgd via het Bekaert Safety Evaluation System (BEKSES). In 2015 werden op globale schaal BEKSES audits (gebaseerd op OHSAS 18001) uitgevoerd en actieplannen opgesteld. In nieuwe entiteiten en vestigingen die recent werden toegevoegd aan de consolidatieperimeter, werden speciale inspanningen geleverd om het lokale veiligheidsbeleid te aligneren met de wereldwijde Bekaert aanpak.
In 2015 startte Bekaert een Veiligheid Uitmuntendheidsproject dat erop gericht is het bewustzijn voor veiligheid en veiligheidsperformantie doorheen de Groep te verbeteren. Het programma is van toepassing op verschillende niveaus in de organisatie: van het Bekaert Group Executive, over de plant- en eerstelijnsmanagers, tot de arbeiders op de werkvloer. In een eerste fase ondergingen zes fabrieken een assessment en werden er interviews ter plaatse afgenomen. Daarna werd, op basis van de resultaten, een roadmap voor implementatie opgesteld. In de loop van 2016 wordt het programma verdergezet in andere fabrieken, en zal het uitgerold worden als onderdeel van het Manufacturing Excellence programma dat ook globaal geïmplementeerd wordt.
Omdat we een gezonde werkomgeving belangrijk vinden, bleven we in 2015 investeren in automatisatie van verhandelingsapparatuur en andere vormen van ergonomie op de werkplek. Een goed voorbeeld hiervan is de nieuw ontworpen verhandelingsapparatuur die voor het eerst werd geïnstalleerd in onze fabrieken in Burgos (Spanje) en Rogers (VS). In de komende jaren wordt innovatie in ergonomie op de werkplek verder uitgerold.
Bekaert organiseert traditioneel elk jaar wereldwijd een Gezondheids- en Veiligheidsevenement. Het centrale thema van dit jaar was "Veiligheid en gezondheid? We gaan ervoor!". Wereldwijd werden de teams in de Bekaert fabrieken aangemoedigd om goede praktijken te delen en te leren van elkaar.
In onze fabriek in Slatina (Roemenië) werden verschillende initiatieven georganiseerd met als doel ons team en hun families te stimuleren om vaker gezondere transportmiddelen te gebruiken.
In de loop van het jaar hebben medewerkers in onze fabrieken wereldwijd diverse lokale initiatieven georganiseerd zoals campagnes rond gezonde voeding, sportactiviteiten en projecten rond mentale gezondheid.
In 2015 waren 61% van alle Bekaert medewerkers wereldwijd gecoverd door de OHSAS 18001 standaard.
Van de gemiddeld 27 uur training per medewerker, waren 7 uur gerelateerd aan veiligheid.
Ernstgraad = aantal dagen werkverlet als gevolg van arbeidsongevallen, per duizend gewerkte uren.
In 2015 stegen zowel de frequentiegraad als de ernstgraad in vergelijking met 2014. Dit was het resultaat van footprint wijzigingen zoals aankoop/consolidatie van entiteiten waar veiligheidsprestaties verbeterd worden als onderdeel van hun integratie in de Bekaert Groep, een trend die we waarnemen vanaf midden 2015.
| >= 7 | >= 5 | >= 2 | >= 1 | |
|---|---|---|---|---|
| jaar | jaar | jaar | jaar | |
| Aantal fabrieken |
1 | 1 | 3 | 7 |
Bekaert streeft ernaar om een loyale, verantwoordelijke partner te zijn binnen de lokale gemeenschappen. We hechten er belang aan om op een transparante en constructieve manier met lokale overheden om te gaan en de nationale wetgevingen en de collectieve arbeidsovereenkomsten na te leven. Bekaert respecteert de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de verdragen en aanbevelingen van de Internationale Arbeidsorganisatie.
Ook bij overnamedeals vindt Bekaert het uiterst belangrijk om meteen open en constructieve relaties op te bouwen met lokale overheden en sociale vertegenwoordigers. Dit was in 2015 in het bijzonder het geval in de de locaties die werden toegevoegd als deel van de Pirelli overname.
Bekaert heeft productiefaciliteiten en verkoopkantoren in 40 landen en bouwt langetermijnrelaties met klanten en leveranciers uit, waar we ook actief zijn.
We werken samen met klanten en leveranciers in het ontwikkelen van projecten, het initiëren van feedback en tevredenheidsonderzoeken en het analyseren van de industrie.
In 2015 versterkte Bekaerts Aankoopafdeling haar engagement om het bewustzijn voor en de controle op duurzaam ondernemen bij onze leveranciers te verbeteren. De Bekaert Gedragscode voor Leveranciers werd uitgerold bij de top-10 aankoopcategorieën en tot nu toe gingen leveranciers die meer dan 40% van onze globale besteding vertegenwoordigen akkoord om samen met ons een duurzame toeleveringsketen uit te bouwen. Bovendien hebben we overeenkomsten met onze belangrijkste walsdraadleveranciers, die ongeveer 60% van onze globale waldsraad aankoop vertegenwoordigen, opgezet en ondertekend. In deze meerjarige overeenkomsten vormen duurzaam ondernemen, integratie in de toeleveringsketen en innovatie expliciete bouwblokken. Gedeelde objectieven en actieplannen voor 2016 werden opgezet met onze belangrijkste leveranciers om duurzaamheid doorheen de toeleveringsketen verder vooruit te stuwen.
Bekaert erkent het belang van verantwoord aankopen. In 2015 hebben we maatregelen in overeenstemming met het Conflict Free Sourcing Initiative verder geïmplementeerd. Dit is een intiatief van de Electronic Industry Citizenship Coalition (EICC) en de Global e-Sustainability Initiative (GeSi), dat bedrijven uit verschillende sectoren helpt om kwesties rond mineralen uit conflictregio's aan te pakken.
We werken met globale klanten actief samen in duurzaamheidsprogramma's. We steunen hun CSR programma's door specifieke acties in ons CSR beleid te implementeren en we nemen deel aan duurzaamheidsinitiatieven en standaarden om te beantwoorden aan specifieke vragen van klanten.
better together voor een schonere wereld: we streven er voortdurend naar om minder materialen te gebruiken, ons energieverbruik te reduceren en afval te verminderen.
Bekaerts zorg voor het milieu wordt toegepast in drie deelaspecten: onze voortdurende inspanningen om nieuwe milieuvriendelijkere productieprocessen voor onze fabrieken wereldwijd te ontwikkelen, preventie en risicobeheer en de ontwikkeling van producten die bijdragen aan een schoner milieu.
In het eerste deelaspect is onze ambitie om milieuvriendelijker productieprocessen voor onze fabrieken wereldwijd te ontwikkelen. In 2015:
Hebben we vooruitgang geboekt in het verwerken van gebruikt zoutzuur. Een groot aantal Bekaert fabrieken besteedt de verwerking van gebruikt zoutzuur uit aan externe afnemers. Deze bedrijven zetten de afvalzuren om in ijzerchloride coagulanten die gebruikt worden voor de behandeling van water. Er werden nu labtesten uitgevoerd om het gebruikte zoutzuur om te zetten in een ijzerchloride oplossing, die het hergebruik door afnemers zal vergemakkelijken. In één van onze fabrieken wordt het gebruikte zoutzuur ter plaatse gerecupereerd, na behandeling door een regeneratie unit die de afvalzuren omzet in ijzeroxides en vers zoutzuur. Die laatste kunnen hergebruikt worden in het productieproces.
Ten tweede spelen preventie en risicobeheer een belangrijke rol in Bekaerts milieubeleid. In 2014 werd een actieplan opgesteld om bodemverontreiniging te voorkomen. Deze plannen werd met succes geïmplementeerd in 2015.
Verantwoord gebruik van water is ook een prioriteit. In 2015 werden programma's die erop gericht zijn om waterverbruik op lange termijn te verminderen verder uitgebreid. We voerden diepgaande analyses en evaluaties uit op onze waterbalans om een standaard voor Bekaert wereldwijd te bepalen.
In 2015 was 95% van onze geconsolideerde vestigingen ISO14001 gecertifieerd. ISO14001 maakt deel uit van de internationaal erkende ISO14000 standaard die praktische tools aanbiedt aan bedrijven die hun milieuverantwoordelijkheden willen beheren. ISO14001 legt de nadruk op systemen voor milieubeheer. De certificatie van alle Bekaert fabrieken over de hele wereld blijft onze doelstelling. Het is een element in het integratieproces van nieuwe entiteiten en van vestigingen die toegevoegd worden aan de consolidatieperimeter. Onze recente acquisities (Pirelli Steelcord, Arrium Ropes) hadden het ISO14001 certificaat al. De betrokken vestigingen behouden hun certificaat als onderdeel van de Bekaert groep. Bekaert ontving ook een certificaat voor ISO14001 en ISO9001 op groepsniveau. De ISO9000 familie behandelt verschillende aspecten van kwaliteitsmanagement.
Ten laatste ontwikkelt Bekaert producten die bijdragen tot een schoner milieu. Ecologie is een aspect dat reeds in beschouwing wordt genomen vanaf de R&D fase van nieuwe producten. In veel gevallen vormt het zelfs een drijfveer in productontwikkeling. Nieuw ontwikkelde producten met ecologische voordelen worden beschreven in het Technologiehoofdstuk.
Enkele Bekaert productvoorbeelden:
Bij sponsoring- en andere gemeenschapsactiviteiten leggen we de nadruk op educatieve projecten. Daarenboven steunen we plaatselijke initiatieven en projecten voor sociale, culturele en economische ontwikkeling.
Wij geloven dat onderwijs en opleiding de sleutel vormen voor een duurzame toekomst. Daarom steunen wij wereldwijd initiatieven die de gemeenschappen waarin we actief zijn, helpen door middel van onderwijs en opleiding.
In China heeft Bekaert sterke relaties opgebouwd met verschillend instituten. Eén initiatief betreft het creëren en verbeteren van het veiligheidsbewustzijn bij kinderen van de Lianying Primary School. Door middel van spelletjes en tips, leren ze hoe ze zichzelf kunnen beschermen tegen gevaarlijke situaties tijdens de zomervakantie. Een ander intiatief in 2015 was de bouw van een speelruimte in de Xiyuan Primary School om de verbeeldingscapaciteiten bij kinderen te verbeteren.
In Brazilië steunt Bekaert educatieve projecten via verschillende programma's. In 2015 lag de klemtoon bij veel projecten op fysieke en mentale gezondheid. In scholen werden schaakworkshops en regionale toernooien georganiseerd om het logisch denken bij kinderen te verbeteren.
Bekaert Corporation (VS) zette haar deelname in de National 4-H Council, gelanceerd in 2014, verder. 4-H is de grootste jeugdontwikkelings- en empowerment organisatie in de VS en bereikt meer dan 7 miljoen 4-H jongeren in verstedelijkte gebieden, voorstedelijke schoolbuurten en landbouwgemeenschappen. 4-H'ers nemen deel aan leeractiviteiten in het domein van wetenschap, gezond leven en voedselveiligheid. Bekaert drukt hiermee haar engagement uit om Amerika's grootse jeudgdontwikkelingsorganisatie te helpen om een positieve verandering en een betere toekomst voor de jeugd te creëren.
We steunen maatschappelijke initatieven voor de verbetering van sociale omstandigheden in die landen waar we actief zijn.
Inchalam, Bekaerts grootste productievestiging in Chili, schonk Cercas Pro omheiningen aan de Santa Clara School in Tacahuano. Dit initiatief maakt deel uit van een nationaal pilootproject, om voetgangers in schoolbuurten te beschermen.
Proalco, Bekaerts vestiging in Colombia, steunde verschillende lokale milieu-initiatieven zoals programma's die bewustzijn creëren in scholen en projecten die gericht zijn op het verbeteren van de inspanningen voor recyclage in de lokale gemeenschap.
In Brazilië organiseren onze collega's traditioneel een "vrijwilligersdag". Dit event vond ook plaats in 2015: medewerkers doneerden geschenken en organiseerden activiteiten voor de kinderen van een kinderdagverblijf in Contagem. Bekaert hecht veel belang aan de gezondheid en veiligheid in en buiten onze operaties. In Contagem, steunden we de organisatie van een skateboard project met als doel jongeren aan te zetten tot sport. Andere initiatieven in Vespasiano, Itaúna, Osasco en Hortolândia omvatten voetbal, tennis, taekwondo en skateboard toernooien.
| in miljoen € | 2014 | 2015 | Delta |
|---|---|---|---|
| Omzet | 4 040 | 4 402 | 9,0% |
| Investeringen | 160 | 194 | 21,0% |
| Personeel op 31 december | 28 440 | 27 148 | -4,5% |
| in miljoen € | 2014 | 2015 | Delta |
|---|---|---|---|
| Omzet | 3 216 | 3 671 | 14,2% |
| Bedrijfsresultaat vóór éénmalige opbrengsten en kosten (REBIT) | 164 | 223 | 35,6% |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 171 | 220 | 28,5% |
| Eénmalige opbrengsten en kosten | 7 | -3 | - |
| Financieel resultaat | -67 | -96 | 44,3% |
| Winstbelasting | -42 | -36 | - |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures | 25 | 18 | -27,7% |
| Perioderesultaat | 88 | 106 | 20,9% |
| Groep | 87 | 102 | 17,0% |
| Minderheidsbelangen van derden | - | 4 | - |
| EBITDA | 342 | 441 | 29,1% |
| Afschrijvingen (MVA) | 153 | 190 | 24,5% |
| Waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen | 29 | 31 | 9,1% |
| Negatieve goodwill | -11 | - | - |
| EBITDA op omzet | 10,6% | 12,0% |
|---|---|---|
| REBIT op omzet | 5,1% | 6,1% |
| EBIT op omzet | 5,3% | 6,0% |
| EBIT interest dekking | 3,0 | 4,0 |
| ROCE (EBIT op kapitaalgebruik) | 7,7% | 8,7% |
| ROE (winst op eigen vermogen) | 5,7% | 6,9% |
| Eigen vermogen op totaal activa | 39,6% | 39,1% |
| Nettoschuld op eigen vermogen | 54,5% | 54,9% |
| Nettoschuld op EBITDA | 2,5 | 1,9 |
| in miljoen € | 2014 | 2015 | Delta |
|---|---|---|---|
| Omzet | 824 | 731 | -11,3% |
| Bedrijfsresultaat | 78 | 75 | -4,3% |
| Winst van het boekjaar | 64 | 55 | -12,9% |
| Investeringen (MVA) | 28 | 23 | -15,6% |
| Afschrijvingen | 17 | 17 | -0,1% |
| Personeel op 31 december | 4 245 | 3 371 | -20,6% |
| Winstaandeel in consolidatie | 25 | 18 | -27,7% |
| Eigen vermogen | 151 | 111 | -26,8% |
| Per aandeel | |
|---|---|
| in € | 2014 | 2015 | Delta |
|---|---|---|---|
| EPS | 1,51 | 1,83 | 20,9% |
| Bruto-dividend* | 0,85 | 0,90 | 5,88% |
| Netto-dividend* | 0,6375 | 0,6570 | 3,06% |
| Valorisatie | |||
|---|---|---|---|
| in € | 2014 | 2015 | Delta |
| Koers op 31 December | 26,35 | 28,39 | 7,7% |
| Koers (gemiddelde) | 27,16 | 26,12 | -3,8% |
* Het dividend is onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2016 ** FTE: Full time equivalent
| in miljoen € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Geconsolideerde omzet | 1 064 | 1 227 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 116 | 145 |
| EBIT op omzet | 10,9% | 11,8% |
| EBITDA | 165 | 201 |
| EBITDA op omzet | 15,5% | 16,4% |
| Gezamenlijke omzet | 1 049 | 1 227 |
| EMEA |
|---|
| € 1 227 miljoen |
| Gezamenlijke omzet |
| 28% |
|---|
| in miljoen € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Geconsolideerde omzet Bedrijfsresultaat (EBIT) |
555 28 |
593 33 |
| EBIT op omzet | 5,0% | 5,6% |
| EBITDA | 38 | 46 |
| EBITDA op omzet | 6,8% | 7,8% |
| Gezamenlijke omzet | 555 | 593 |
| Noord-Amerika € 593 miljoen Gezamenlijke omzet |
13% |
| in miljoen € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Geconsolideerde omzet | 631 | 764 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 34 | 45 |
| EBIT op omzet | 5,4% | 5,9% |
| EBITDA | 40 | 72 |
| EBITDA op omzet | 6,3% | 9,4% |
| Gezamenlijke omzet | 1 422 | 1 451 |
| Latijns-Amerika € 1 451 miljoen Gezamenlijke omzet |
33% |
|---|---|
| ---------------------------------------------------------- | ----- |
| 1 086 |
|---|
| 71 |
| 6,5% |
| 200 |
| 18,4% |
| 1 136 |
| Pacifisch Azië € 1 136 miljoen Gezamenlijke omzet |
26% |
|---|---|
| --------------------------------------------------------- | ----- |
Bekaert realiseerde in 2015 een geconsolideerde omzet van € 3,7 miljard en een gezamenlijke omzet van € 4,4 miljard, een stijging van 14% en 9% respectievelijk in vergelijking met vorig jaar.
Bekaerts geconsolideerde omzet werd gestuwd door overnamegroei (9%) en wisselkoerseffecten, goed voor +8%. De organische omzetgroei van +2% was het resultaat van een positieve prijs-mix (+4%) en een geringe volumedaling (-1%) en prijserosie (-1%). De omzetgroei werd getemperd door de significant lagere grondstofprijzen (-5%) die werden verrekend aan onze klanten. In tegenstelling tot het laatste kwartaal van vorig jaar, kenden de winst en de omzet geen zwaardere terugval dan de verwachte seizoenseffecten bij jaareinde.
De gezamenlijke omzet (1) steeg met 9%. De devaluatie van de Braziliaanse real verminderde de translatieimpact van wisselkoersschommelingen op het niveau van de gezamenlijke omzet (+4%). De groei door overnames en desinvesteringen vertegenwoordigde +7%. De organische groei (+2%) werd tenietgedaan door lagere grondstofprijzen (-4%).
(1) De gezamenlijke omzet is de omzet gerealiseerd door de geconsolideerde ondernemingen plus 100% van de omzet gerealiseerd door de joint ventures en geassocieerde ondernemingen na eliminatie van onderlinge verkopen.
De Raad van Bestuur bevestigt het vertrouwen in de strategie en de toekomstperspectieven van de onderneming en zal aan de Algemene Vergadering van aandeelhouders op 11 mei 2016 voorstellen om een brutodividend uit te keren van € 0,90 per aandeel (€ 0,85 per aandeel vorig jaar). Het dividend zal, na goedkeuring door de Algemene Vergadering van aandeelhouders, betaalbaar worden vanaf 17 mei 2016.
Bekaert heeft een operationeel resultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) geboekt van € 223 miljoen (tegenover €164 miljoen in 2014). Dit stemt overeen met een REBIT-marge op omzet van 6,1% (versus 5,1% in 2014).
De eenmalige opbrengsten en kosten bedroegen € -3 miljoen (in vergelijking met € +7 miljoen vorig jaar). Bijzondere afwaarderingen, step-acquisitie verliezen en herstructureringskosten werden nagenoeg integraal gecompenseerd door de verzekeringsuitkering van de brandschade in Rome (VS) en de winst op de verkoop van de Carding Solutions-activiteiten.
Het operationeel resultaat (EBIT) na eenmalige kosten bedroeg € 220 miljoen, wat neerkomt op een marge van 6,0% (versus 5,3%). EBITDA bedroeg € 441 miljoen, wat een EBITDA-marge op omzet vertegenwoordigt van 12,0% (versus 10,6%).
De commerciële en administratieve kosten stegen met € 41 miljoen tot € 306 miljoen ten gevolge van de translatie-impact van wisselkoersschommelingen (€ 16 miljoen), het netto-effect van overnames en desinvesteringen (€ 3 miljoen), consulting kosten gerelateerd aan het manufacturing excellence programma en de hoge M&A activiteit (€ 14 miljoen) en een verhoging van de provisies voor dubieuze debiteuren met
€ 5 miljoen. Kosten voor onderzoek en ontwikkeling namen met € 5 miljoen toe tot € 65 miljoen, voornamelijk als gevolg van de integratie van het staalkoord R&D team van Pirelli.
De nettorentelasten bedroegen € -62 miljoen, onveranderd ten opzichte van € -63 miljoen vorig jaar. Overige financiële opbrengsten en lasten bedroegen € -34 miljoen (ten opzichte van € -4 miljoen) en omvatten zegelrechten op de acquisitie in Australië, een reserve voor potentiële wisselkoersrisico's in Venezuela, alsook gerealiseerde en niet-gerealiseerde omrekeningsverliezen.
De winstbelasting bedroeg € 36 miljoen, tegenover € 42 miljoen vorig jaar. De positieve impact was een gevolg van de terugdraai van een deferred tax allowance gerelateerd aan de afsplitsing van de advanced cords activiteiten in België.
Het aandeel in de resultaten van joint ventures en geassocieerde ondernemingen daalde van € 25 miljoen naar € 18 miljoen als gevolg van de moeilijke economische omgeving in Brazilië en de verliesmakende entiteiten in Xinyu, China (gedeconsolideerd bij jaareinde 2015). Het perioderesultaat bedroeg bijgevolg € 106 miljoen in vergelijking met € 88 miljoen in 2014. Het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen van derden steeg tot € 4 miljoen. Na aftrek van het deel toerekenbaar aan minderheidsbelangen bedroeg het perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep € 102 miljoen, vergeleken met € 87 miljoen vorig jaar. EPS (perioderesultaat per aandeel) steeg tot € 1,83 (€ 1,51 in 2014).
Op 31 december 2015 vertegenwoordigde het eigen vermogen 39,1% van de totale activa, tegenover 39,6% in 2014. De nettoschuld op eigen vermogen (gearing ratio) bedroeg 54,9% (tegenover 54,5%).
De nettoschuld bedroeg € 832 miljoen tegenover € 853 miljoen bij jaareinde 2014 en € 1 023 miljoen per 30 juni 2015. De aanzienlijke vermindering was het gevolg van sterke cash generatie en strikte controle op het werkkapitaal.
De nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten bedroegen € 584 miljoen, een significante stijging ten opzichte van € 187 miljoen in 2014 dankzij de hogere cash generatie en de omvangrijke daling van het werkkapitaal.
De kasstromen uit investeringsactiviteiten bedroegen € -363 miljoen (tegenover € -225 miljoen), waaronder € -171 miljoen voor investeringen in materiële vaste activa en € -209 miljoen door acquisities en desinvesteringen.
Kasstromen uit financieringsactiviteiten bedroegen € -268 miljoen (tegenover € 88 miljoen in 2014) en waren onder meer het gevolg van aflossingen van rentedragende schulden, dividenden en rentebetalingen.
Ondanks de aanzienlijke impact van overnames en investeringen, verlaagde Bekaert de nettoschuld tot € 832 miljoen tegenover € 853 miljoen bij jaareinde 2014 en € 1 023 miljoen per 30 juni 2015. De nettoschuld op EBITDA was 1,9, in vergelijking met 2,5 op 31 december 2014. De aanzienlijke vermindering kwam voornamelijk door sterke cash generatie en strikte controle op het werkkapitaal.
Op 7 december kondigden Bekaert en Ontario Teachers' Pension Plan de geplande fusie aan van de wereldwijde kabel en advanced cords activiteiten van Bekaert en Bridon. De definitieve fusie-overeenkomst is onderworpen aan de gebruikelijke closing voorwaarden waaronder gereglementeerde goedkeuringen. Bij succesvolle afronding zal een nieuwe joint venture opgericht worden waarin Bekaert 67% van de aandelen zal bezitten en Ontario Teachers' 33%. Voorafgaand aan de afronding zullen beide businesses afzonderlijk opereren en hun klanten autonoom blijven bedienen.
Naast deze transactie heeft Bekaert de aandelen van MatcoCables SpA (35%) in Bekaerts staalkabelvennootschappen overgenomen.
Op 29 december 2015 verwierf Bekaert de resterende 18% van de aandelen van Fasten Group in Bekaert Jiangyin Wire Products Co Ltd, waardoor de staaldraadfabriek in Jiangyin, China, de volle eigendom wordt van Bekaert.
Op 31 december 2015 werden Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd en Bekaert Xinyu New Materials Co Ltd gedeconsolideerd als gevolg van een wijziging in controle en de lopende onderhandelingen om uit deze business te stappen in China. Beide vennootschappen werden geherclassificeerd van geassocieerde deelnemingen naar activa aangehouden voor verkoop. De gerecupereerde uitrusting van de entiteiten werd volledig afgeschreven.
Er werden in totaal 26 300 aandelenopties uitgeoefend in 2015 onder het Management Share Option Plan 2010-2014 en 26 300 eigen aandelen werden gebruikt voor dat doel. In de loop van 2015 heeft Bekaert geen eigen aandelen geannuleerd of aangekocht. De onderneming hield bij jaareinde een totaal van 4 247 710 eigen aandelen aan.
De Europese marktvraag was in de meeste sectoren sterk gedurende het hele jaar 2015. Vooral de automobielsector zorgde voor volumegroei van staalkoord en andere staaldraadtoepassingen in de regio.
Bekaerts activiteiten in EMEA leverden excellente resultaten op, gedreven door de sterke volumegroei en een gunstige product-mix. De succesvolle integratie van de staalkoordvestigingen overgenomen van Pirelli in Italië, Roemenië en Turkije was goed voor een groei van 14% en versterkte EMEA's solide, dubbelcijferige winstgevendheid. Het bouwproductenplatform leverde stevige groeicijfers op en de meeste andere industriële staaldraadactiviteiten presteerden op hetzelfde sterke niveau als in 2014. Bekaert tekende een REBIT-stijging voor de regio op van 22% en tilde de winstmarges naar een recordhoogte van 11,3%.
De eenmalige opbrengsten bedroegen € +6 miljoen, voornamelijk door een meerwaarde op de verkoop van de Europese activiteiten van de Carding Solutions business en gedeeltelijk gecompenseerd door herstructurerings-kosten.
De investeringsuitgaven bedroegen € 48 miljoen en betroffen capaciteitsuitbreidingen en moderniseringen, voornamelijk in Slovakije en België.
Bekaert verwacht een aanhoudende sterke vraag en performantie in de meeste Europese markten maar heeft beperkte visibiliteit op de evoluties in de olie- en gassector, waar de vraag tijdens de afgelopen maanden is afgenomen.
Bekaerts activiteiten in Noord-Amerika noteerden een omzetstijging van 7%. Wisselkoerseffecten voegden 16% toe aan de omzet terwijl de volumes daalden met 9% ten gevolge van de sluiting van de vestiging in Surrey, Canada (einde van het eerste kwartaal 2014) en de brandschade in Rome, Georgia (VS) (november 2014). Bovendien bleven de zwakke landbouw- en industriële staaldraadmarkten wegen op de prestaties van het segment.
De impact van de aan klanten verrekende lagere walsdraadprijzen werd gecompenseerd door een betere product-mix. De winstmarges hebben het gewenste niveau nog niet bereikt door de lage volumebasis en de prijsdruk van concurrerende importstromen.
De eenmalige opbrengsten en kosten (€ +14 miljoen) betreffen vooral de finale afwikkeling van de verzekerings-uitkering met betrekking tot de brand in Rome.
De investeringsuitgaven bedroegen € 55 miljoen en hadden voornamelijk betrekking op de heropbouw van de vestiging in Rome en de investeringen in de staalkabel- en staalkoordactiviteiten.
Bekaert verwacht betere prestaties in 2016 ten gevolge van acties geïmplementeerd om onze
concurrentiekracht in de doelmarkten te verhogen.
Bekaerts geconsolideerde omzet in Latijns-Amerika steeg met + 21% dankzij de aanzienlijke impact van acquisities (+ 15%) en gunstige
wisselkoersschommelingen (+ 7%). Een verbeterde prijs-mix (+ 4%) compenseerde de impact van de verrekende lagere grondstofprijzen (-4%). De groei door overnames bestond uit de toevoeging van de voormalige Pirelli staalkoordfabriek in Sumaré, Brazilië (vanaf begin 2015); de consolidatie van de Bekaert Cimaf staalkabelfabriek in Brazilië; en de overname van de staaldraadvestiging van ArcelorMittal in Costa Rica (beide sinds eind april 2014).
De impact van overnames, de verbeterde prijs-mix en de effecten van kostenbesparingen stuwden de winstgevendheid en cash generatie voor de regio. REBIT en EBITDA stegen met meer dan 75% ten opzichte van 2014. De EBITDA-marge nam in de loop van het jaar toe en bereikte 10% op omzet in de tweede helft.
Bekaert investeerde € 24 miljoen in materiële vaste activa in de regio.
Bekaerts gezamenlijke omzetgroei was beperkt als gevolg van de aanzienlijke devaluatie van de Braziliaanse real. De prestaties van onze joint ventures in Brazilië overtroffen de zwakke economische omstandigheden in het land.
Bekaert neemt toenemende instabiliteit waar in de hele regio met een afzwakkend economisch klimaat in Brazilië, Peru en Ecuador.
In Venezuela hebben we onze activiteiten noodgedwongen gesloten in februari 2016 als gevolg van een tekort aan grondstoffen.
Bekaert boekte uit voorzichtigheidsprincipes reeds in 2010 bijzondere afwaarderingen op de activa in Venezuela en past sedert het begin van 2013 hyperinflatieboek-houding en de toepasselijke economische wisselkoers toe in de waardering van de financiële cijfers.
Ondanks de economische ontwikkelingen in Latijns-Amerika, verwacht Bekaert een blijvend voordeel van onze sterke marktposities, de duurzame kostenbesparingen en de verbeterde business portefeuille.
Bekaerts activiteiten in Pacifisch Azië tekenden een omzetgroei op van 12%. Dit was het gevolg van gunstige wisselkoerseffecten (+14%) en het netto-effect van overnames en desinvesteringen (+6%), gedeeltelijk tenietgedaan door lagere volumes (-3%) als gevolg van een zwakke start van het jaar en lagere grondstofprijzen (-5%). De impact van prijserosie werd geneutraliseerd door de betere product-mix.
Bekaert's activiteiten in Pacifisch Azië realiseerden een sterke margetoename dankzij kostencontrole en een aanzienlijke verbetering van de business portefeuille ten gevolge van: een gevoelige toename van de tire cord omzet in India en Indonesië; een groeiend aandeel aan producten met hoge toegevoegde waarde; desinvesteringen en overnames; en de eerste effecten van rentabiliteitsherstel in onze staaldraadactiviteiten in Zuid-Oost Azië.
Bekaert verbeterde de portefeuille in China door het aandeel van producten met hoge toegevoegde waarde zoals tire cord en zaagdraad te verhogen. We herwonnen marktaandeel de Chinese tire cord markt en hielden gelijke tred met de groeiende vraag in de sector van de zonne-energie. Zaagdraad vertegenwoordigde meer dan 10% van Bekaert's omzet in Pacifisch Azië in 2015.
De desinvesteringen hadden betrekking op de Aziatische activiteiten van de Carding solutions business (China, India) en de roestvaste staaldraadactiviteiten (India). Bij jaareinde 2015 deconsolideerde Bekaert ook de verlieslatende entiteiten in Xinyu, China, om de wijziging in controle en de lopende onderhandelingen gericht op een exit van Bekaert te reflecteren. De positieve REBIT impact van de deconsolidatie zal zichtbaar zijn in de financiële cijfers van 2016.
Bekaert nam in 2015 de voormalige Pirelli vestiging over in China, de voormalige Arrium kabelfabriek in Australië, en de overige aandelen van partners in meerdere vestigingen, waaronder de Dramix® vestiging in Shanghai, de staaldraadplant in Jiangyin, China, de Dramix® verkoop- en distributie entiteit in Australië/Nieuw-Zeeland, en de Maleisische staaldraaden kabelactiviteiten.
Deze acties en verwezenlijkingen verhoogden de rentabiliteit en cash generatie in Pacifisch Azië aanzienlijk. EBITDA nam met 25% toe tot € 200 miljoen in 2015, aan een EBITDA marge van bijna 20% in de tweede helft van het jaar.
De eenmalige opbrengsten en kosten (€ -11 miljoen) waren voornamelijk gerelateerd aan herstructureringskosten en waardeverminderingen, gedeeltelijk gecompenseerd door de winst op de verkoop van Carding Solutions en de deconsolidatie van de Xinyu activiteiten.
Bekaert heeft intensief geïnvesteerd in de regio met een totaal van € 50 miljoen in materiële vaste activa in 2015, waaronder tire cord uitbreidingsinvesteringen in India en Indonesië.
Bekaert neemt aan dat de competitieve marktomstandigheden in China zullen aanhouden. We verwachten echter dat onze inspanningen om de productenportefeuille en de kostenbasis van de productie in de regio te verbeteren, een gunstige bijdrage zullen leveren aan de omzet en winstgevendheid in 2016.
In uitvoering van de oorspronkelijke, in 2004 gepubliceerde, Belgische Corporate Governance Code heeft de Raad van Bestuur op 16 december 2005 het Bekaert Corporate Governance Charter goedgekeurd.
Ingevolge de publicatie van de Belgische Corporate Governance Code 2009 heeft de Raad van Bestuur op 22 december 2009 besloten de Code 2009 als referentiecode voor Bekaert te hanteren en het Bekaert Corporate Governance Charter aan te passen. Op 13 november 2014 heeft de Raad van Bestuur het Bekaert Corporate Governance Charter verder aangepast (het "Bekaert Charter").
Bekaert leeft in beginsel de Belgische Corporate Governance Code na, en legt in het Bekaert Charter en in deze Corporate Governance verklaring uit waarom ze afwijkt van enkele bepalingen ervan.
De Belgische Corporate Governance Code is beschikbaar op www.corporategovernancecommittee.be.
Het Bekaert Corporate Governance Charter is beschikbaar op www.bekaert.com.
De Raad van Bestuur bestaat momenteel uit veertien leden, die door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd worden. Acht bestuurders zijn benoemd op voordracht van de hoofdaandeelhouders. De functies van Voorzitter en van Gedelegeerd Bestuurder worden nooit door dezelfde persoon uitgeoefend. De Gedelegeerd Bestuurder is het enig lid van de Raad met een uitvoerende functie. Alle andere leden zijn niet-uitvoerende bestuurders.
Vier bestuurders zijn onafhankelijk op grond van de criteria van artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen en van bepaling 2.3 van de Belgische Corporate Governance Code: Alan Begg (voor het eerst benoemd in 2008), Lady Barbara Judge (voor het eerst benoemd in 2007), Manfred Wennemer (voor het eerst benoemd in 2009, onafhankelijk sedert 1 januari 2010), en Mei Ye (voor het eerst benoemd in 2014).
De Raad heeft in 2015 tien vergaderingen gehouden, zeven gewone en drie buitengewone. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet, de statuten en het Bekaert Charter, behandelde de Raad van Bestuur in 2015 onder meer de volgende onderwerpen:
| Naam | Aanvang eerste mandaat |
Einde huidig mandaat als bestuurder |
Hoofdfunctie (*) | Aantal bijgewoonde gewone/buitengewone vergaderingen |
|---|---|---|---|---|
| Voorzitter | ||||
| Bert De Graeve(1) | 2006 | 2019 NV Bekaert SA | 7/3 | |
| Gedelegeerd Bestuurder | ||||
| Matthew Taylor | 2014 | 2018 NV Bekaert SA | 7/3 | |
| Leden voorgedragen door de hoofdaandeelhouders | ||||
| Leon Bekaert | 1994 | 2019 Bestuurder van vennootschappen | 7/3 | |
| Grégory Dalle(2) | 2015 | 2019 Gedelegeerd Bestuurder, Credit Suisse International, Investment Banking and Capital Markets |
4/2 | |
| Roger Dalle(3) | 1998 | 2015 Bestuurder van vennootschappen | 3/1 | |
| Charles de Liedekerke | 1997 | 2019 Bestuurder van vennootschappen | 7/3 | |
| François de Visscher | 1992 | 2016 President, de Visscher & Co. LLC (Verenigde Staten) |
7/1 | |
| Hubert Jacobs van Merlen | 2003 | 2019 Bestuurder van vennootschappen | 7/3 | |
| Maxime Jadot | 1994 | 2019 Gedelegeerd Bestuurder en Voorzitter van het Directiecomité, BNP Paribas Fortis (België) |
7/3 | |
| Bernard van de Walle de Ghelcke |
2004 | 2016 Of Counsel, Linklaters LLP (België) | 7/3 | |
| Baudouin Velge | 1998 | 2016 Managing Partner, Interel (België) | 7/2 | |
| Onafhankelijke bestuurders | ||||
| Alan Begg | 2008 | 2018 Bestuurder van vennootschappen | 7/3 | |
| Lady Barbara Judge CBE | 2007 | 2016 Chairman of the UK Pension Protection Fund (Verenigd Koninkrijk) Chairman Emeritus of the UK Atomic Energy Authority (Verenigd Koninkrijk) |
7/1 | |
| Manfred Wennemer | 2009 | 2016 Bestuurder van vennootschappen | 7/2 | |
| Mei Ye | 2014 | 2018 Onafhankelijk bestuurder en adviseur van vennootschappen |
7/2 |
(1) Bert De Graeve werd voor het eerst benoemd als lid van de Raad van Bestuur in 2006. In 2014 werd hij Voorzitter van de Raad van Bestuur
(2) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2015
(3) Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2015
(*) Het curriculum vitae van de leden van de Raad van Bestuur is terug te vinden op www.bekaert.com
De Raad van Bestuur heeft drie adviserende comités opgericht.
De samenstelling van het Audit en Finance Comité is conform artikel 526bis §2 van het Wetboek van vennootschappen: zijn vier leden zijn niet-uitvoerende bestuurders, en één lid, Lady Barbara Judge, is onafhankelijk. Het Comité wordt voorgezeten door haar onafhankelijke bestuurder, Lady Barbara Judge. Haar deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit blijkt uit haar functie van ondervoorzitter van de Financial Reporting Council, de Britse toezichthouder voor boekhouding en Corporate Governance, die ze tot eind 2007 uitgeoefend heeft.
In afwijking op bepaling 5.2/4 van de Belgische Corporate Governance Code, volgens hetwelk op zijn minst een meerderheid van de leden onafhankelijk moet zijn, is Bekaert van oordeel dat het Audit en Finance Comité de evenwichtige samenstelling van de voltallige Raad moet weerspiegelen.
De Gedelegeerd Bestuurder en de Chief Financial Officer zijn geen lid van het Comité, maar worden tot zijn vergaderingen uitgenodigd. Deze regeling waarborgt de noodzakelijke interactie tussen Raad van Bestuur en Uitvoerend Management.
| Naam | Einde huidig mandaat als bestuurder |
Aantal bijgewoonde gewone/ buitengewone vergaderingen |
|---|---|---|
| Lady Barbara Judge CBE | 2016 | 4/1 |
| Bert De Graeve | 2019 | 4/1 |
| Hubert Jacobs van Merlen | 2019 | 4/1 |
| Baudouin Velge | 2016 | 4/1 |
Het Comité heeft in 2015 vijf vergaderingen gehouden, vier gewone en één buitengewone. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en van het Bekaert Charter behandelde het Comité voornamelijk de volgende onderwerpen:
De samenstelling van het Benoemings- en Remuneratiecomité is conform artikel 526quater §2 van het Wetboek van vennootschappen: zijn drie leden zijn niet-uitvoerende bestuurders, het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur, en zijn twee overige leden, de heer Begg en Lady Barbara Judge, zijn onafhankelijk. De deskundigheid van het Comité op het gebied van remuneratiebeleid blijkt uit de relevante ervaring van zijn leden.
| Naam | Einde huidig mandaat als bestuurder |
Aantal bijgewoonde vergaderingen |
|---|---|---|
| Bert De Graeve | 2019 | 4 |
| Alan Begg | 2018 | 4 |
| Lady Barbara Judge CBE | 2016 | 4 |
Tot aan de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders in mei 2015 werden twee door de hoofdaandeelhouders voorgedragen bestuurders tot de vergaderingen van het Comité uitgenodigd zonder dat ze er lid van zijn. Sedert de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders in mei 2015 wordt één door de hoofdaandeelhouders voorgedragen bestuurder tot de vergaderingen van het Comité uitgenodigd zonder er lid van te zijn.
Het Comité vergaderde in 2015 vier maal. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en van het Bekaert Charter behandelde het Comité voornamelijk de volgende onderwerpen:
Het Strategisch Comité telt zes leden, waarvan er vijf niet-uitvoerende bestuurders zijn. Het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur, en bestaat voorts uit de Gedelegeerd Bestuurder en vier bestuurders.
| Naam | Einde huidig mandaat als bestuurder |
Aantal bijgewoonde vergaderingen |
|---|---|---|
| Bert De Graeve | 2019 | 6 |
| Leon Bekaert | 2019 | 6 |
| Charles de Liedekerke | 2019 | 6 |
| Maxime Jadot | 2019 | 6 |
| Matthew Taylor | 2018 | 6 |
| Manfred Wennemer | 2016 | 6 |
Het Comité vergaderde in 2015 zes maal. Het besprak de strategie van Bekaert alsmede diverse strategische projecten.
De voornaamste kenmerken van de werkwijze voor het evalueren van de Raad van Bestuur, zijn Comités en de individuele bestuurders zijn beschreven in dit hoofdstuk en in paragraaf II.3.4 van het Bekaert Charter. De Voorzitter is belast met de organisatie van periodieke prestatiebeoordelingen door middel van een uitgebreide vragenlijst die betrekking heeft op:
Indien de door de Raad van Bestuur voorgestelde benoemingen door de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 11 mei 2016 goedgekeurd worden, zal de vennootschap voldoen aan de wettelijke vereiste dat ten minste één derde van de leden van de Raad van Bestuur van een ander geslacht is dan dat van de overige leden.
Het Bekaert Group Executive (BGE) draagt de collectieve verantwoordelijkheid voor het bereiken van de lange termijn en korte termijn doelstellingen van de Groep. Het wordt voorgezeten door de Gedelegeerd Bestuurder en heeft de volgende evenwichtige samenstelling:
Dominique Neerinck, voormalig Chief Technology Officer, is op 31 maart 2015 uit het BGE getreden.
Stijn Vanneste wordt op 1 april 2016 lid van het BGE.
Vanaf 1 april 2016 bestaat het BGE uit de volgende leden:
| Naam | Functie | Benoeming als lid van het BGE |
|---|---|---|
| Matthew Taylor | Gedelegeerd Bestuurder | 2013 |
| Lieven Larmuseau | Algemeen Directeur Business Platformen Rubberversterking |
2014 |
| Piet Van Riet | Algemeen Directeur Business Platformen Industriële Producten en Gespecialiseerde Producten |
2014 |
| Stijn Vanneste | Algemeen Directeur Europa, Zuid-Azië en Zuidoost-Azië |
2016 |
| Frank Vromant | Algemeen Directeur Noord Amerika en Latijns-Amerika |
2011 |
| Curd Vandekerckhove | Algemeen Directeur Noord-Azië en Globale Operaties |
2012 |
| Aanwervingsprocedure lopende |
Chief Financial Officer | 2016 |
| Geert Van Haver | Chief Technology & Engineering Officer en Algemeen Directeur |
2014 |
| Bart Wille | Chief Human Resources Officer en Algemeen Directeur |
2013 |
Volgens artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen moet een lid van de Raad van Bestuur de overige leden vooraf informeren over agendapunten waaromtrent het rechtstreeks of onrechtstreeks een met de vennootschap strijdig belang van vermogensrechtelijke aard heeft en moet het zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en de stemming daarover. Een dergelijk belangenconflict kwam in 2015 tweemaal voor, waarbij telkens de bepalingen van artikel 523 nageleefd werden.
Op 26 februari 2015 moest de Raad van Bestuur zich uitspreken over de vergoeding van de Voorzitter uit hoofde van zijn prestatie als Gedelegeerd Bestuurder tijdens de eerste maanden van 2014, en van de Gedelegeerd Bestuurder. Uittreksel uit de notulen:
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad de voorgestelde korte termijn variabele vergoeding goed voor de Voorzitter uit hoofde van zijn prestatie als Gedelegeerd Bestuurder in 2014.
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité::
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité neemt de Raad akte van het feit dat geen middellange termijn variabele vergoeding betaalbaar is uit hoofde van de periode 2012-2014.
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad de doelstellingen goed voor de korte termijn variabele vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder voor 2015.
Op 12 november 2015 heeft de Raad van Bestuur het Optieplan op Aandelen 2015-2017 en het Performance Share Plan 2015-2017 herbevestigd en bekrachtigd, zich uitgesproken over het aanbod van opties aan de Gedelegeerd Bestuurder onder het Optieplan op Aandelen 2015-2017 voor 2015 en het prestatiedoel vastgesteld voor de in 2015 toegekende performance shares onder het Performance Share Plan 2015-2017. Uittreksel uit de notulen:
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité herbevestigt en bekrachtigt de Raad het Optieplan op Aandelen 2015-2017 en keurt de Raad het eerste aanbod van 25 000 opties aan de Gedelegeerd Bestuurder goed.
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité herbevestigt en bekrachtigt de Raad het Performance Share Plan 2015-2017 (inclusief de vaste omvang van de voorwaardelijke toekenningen van performance shares) en keurt de Raad het voorgestelde prestatiedoel voor de in 2015 toegekende performance shares goed.
Het Bekaert Charter bevat gedragsregels met betrekking tot rechtstreekse en onrechtstreekse belangenconflicten van de leden van de Raad van Bestuur en van het BGE die buiten de werkingssfeer van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen vallen. Deze leden worden geacht met Bekaert verbonden partijen te zijn, en moeten jaarlijks melding maken van rechtstreekse of onrechtstreekse transacties met Bekaert of haar dochterondernemingen. Bekaert is niet op de hoogte van enig potentieel belangenconflict betreffende dergelijke transacties in 2015 (cfr. Toelichting 7.5 bij de geconsolideerde jaarrekening).
Conform bepaling 3.7 van de Belgische Corporate Governance Code heeft de Raad van Bestuur op 27 juli 2006 de Bekaert Insider Dealing Code uitgevaardigd, die integraal is opgenomen in Appendix 4 van het Bekaert Charter. Op 13 november 2014 heeft de Raad van Bestuur de Bekaert Insider Dealing Code gewijzigd in lijn met een aantal organisatorische veranderingen, met inwerkingtreding op 1 januari 2015. De Bekaert Insider Dealing Code legt de leden van de Raad van Bestuur, het BGE, het senior management en bepaalde andere personen beperkingen op inzake transacties in Bekaert effecten tijdens gesloten periodes en sperperiodes. De Code bevat ook regels aangaande de interne meldingsplicht van voorgenomen transacties, alsmede de openbaarmaking van uitgevoerde transacties middels een melding aan de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA). De Voorzitter van de Raad van Bestuur is de Compliance Officer voor de Bekaert Insider Dealing Code.
Het remuneratiebeleid voor niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op aanbeveling van de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. Het beleid werd goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van 10 mei 2006, en gewijzigd door de Gewone Algemene Vergaderingen van 11 mei 2011 en van 14 mei 2014.
Het remuneratiebeleid voor de Gedelegeerd Bestuurder wordt bepaald door de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Gedelegeerd Bestuurder neemt aan deze procedure niet deel. Het Comité verzekert de conformiteit met het remuneratiebeleid van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder met de vennootschap. Een kopie van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder is op verzoek van een bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.
Het remuneratiebeleid voor de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder wordt bepaald door de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Gedelegeerd Bestuurder heeft een adviserende rol in deze procedure.
Het Comité verzekert de conformiteit met het remuneratiebeleid van het contract van elk BGE-lid met de vennootschap. Een kopie van elk contract is op verzoek van een bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.
De remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald op basis van zes gewone vergaderingen van de voltallige Raad van Bestuur per jaar. Een gedeelte van de remuneratie wordt betaald in functie van het aantal gewone vergaderingen dat de niet-uitvoerende bestuurder persoonlijk bijwoont.
Niet-uitvoerende bestuurders die lid zijn van een Comité van de Raad van Bestuur ontvangen een vergoeding voor elke Comité-vergadering die ze persoonlijk bijwonen. In zijn hoedanigheid van uitvoerend bestuurder ontvangt de Gedelegeerd Bestuurder die vergoeding niet.
Indien de Raad van Bestuur in een specifieke aangelegenheid de bijstand van een bestuurder verzoekt op grond van zijn/haar onafhankelijkheid en/of bekwaamheid, is die bestuurder, voor elke sessie die een specifieke verplaatsing en tijd vergt, gerechtigd op een vergoeding gelijk aan het toepasselijke variabele bedrag voor een persoonlijk bijgewoonde vergadering van een Comité van de Raad van Bestuur.
Het concrete bedrag van de vergoeding van de bestuurders wordt door de Gewone Algemene Vergadering voor het lopende boekjaar bepaald.
De vergoeding van de bestuurders wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties om te verzekeren dat personen kunnen worden aangetrokken met competenties die aan de internationale ambities van de Groep beantwoorden.
Niet-uitvoerende bestuurders hebben geen recht op prestatiegebonden remuneratie zoals bonussen, aandelengerelateerde incentiveprogramma's op lange termijn, voordelen in natura of voordelen verbonden aan pensioenplannen, noch op enig ander type variabele remuneratie, met uitzondering van de vergoeding voor de persoonlijk bijgewoonde vergaderingen van de Raad van Bestuur of van een Comité.
Uitgaven die bestuurders redelijkerwijs in het kader van de uitoefening van hun taken doen, worden terugbetaald op voorlegging van genoegzame rechtvaardigingsstukken. Bestuurders worden geacht het uitgavenbeleid voor leden van de Raad van Bestuur in acht te nemen bij het doen van uitgaven.
De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur wordt bij de aanvang van zijn opdracht bepaald, en wel voor de duur van die opdracht. Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité wordt de vergoeding bepaald door de Raad van Bestuur onder voorbehoud van goedkeuring door de Gewone Algemene Vergadering.
In zijn voorstel moet het Comité rekening houden met een duidelijke omschrijving van de taken van de Voorzitter, het professionele profiel dat werd aangetrokken, de tijd die voor de Groep daadwerkelijk ter beschikking moet worden gesteld, en een gepaste remuneratie die aan de gestelde verwachtingen beantwoordt en die regelmatig wordt getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties. De Voorzitter heeft geen recht op een bijkomende vergoeding voor het bijwonen of voorzitten van een vergadering van een Comité van de Raad van Bestuur, omdat dit in zijn totale remuneratiepakket begrepen is.
De belangrijkste elementen van het remuneratiebeleid van de Groep voor het Uitvoerend Management zijn het basissalaris, korte termijn, middellange termijn en lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. De Groep biedt competitieve totale remuneratiepakketten aan met het doel het beste kader- en managementtalent aan te trekken en te behouden in elk deel van de wereld waar de Groep aanwezig is.
De remuneratie van de uitvoerende managers wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties.
Een sterke focus op prestatie en realisaties op Groepsen individueel niveau wordt gereflecteerd in het korte termijn variabele vergoedingsprogramma, dat rechtstreeks gerelateerd is aan de jaarlijkse business doelstellingen. De middellange en lange termijn variabele vergoedingsprogramma's van de Groep moeten managers en kaderleden belonen voor hun bijdrage tot de creatie van hogere aandeelhouderswaarde op termijn. Die programma's zijn typisch gerelateerd aan de prestatie van de vennootschap op langere termijn en met de toekomstige waardevermeerdering van de aandelen van de vennootschap.
Het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder bestaat uit een basissalaris, een korte termijn, een middellange termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Het remuneratiepakket moet competitief zijn en op maat van de verantwoordelijkheden van een Gedelegeerd Bestuurder die aan het hoofd staat van een wereldwijd actieve industriële groep met diverse business platforms.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité beveelt ieder jaar een aantal doelstellingen aan die rechtstreeks van het business plan zijn afgeleid en die gebaseerd zijn op overige aan de Gedelegeerd Bestuurder toe te vertrouwen prioriteiten.
Die doelstellingen bevatten zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen, en worden over een vooraf bepaalde periode gemeten (tot drie jaren ver). Die doelstellingen, alsmede de eindejaarsbeoordeling van de realisaties, worden door het Comité gedocumenteerd en aan de voltallige Raad van Bestuur voorgelegd.
De eindbeoordeling leidt tot een waardering door de Raad van Bestuur, gebaseerd op gemeten resultaten, van alle prestatiegebonden elementen uit het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder.
Het remuneratiepakket van de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder bestaat uit een basissalaris, een korte termijn, een middellange termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Het remuneratiepakket moet competitief zijn en op maat van de rol en de verantwoordelijkheden van elk BGE-lid, dat tot een team behoort dat leiding geeft aan een wereldwijd actieve industriële groep met diverse business platforms.
De Gedelegeerd Bestuurder evalueert de prestatie van ieder ander lid van het BGE, en legt zijn prestatiewaardering voor aan het Benoemings- en Remuneratiecomité. Die evaluatie gebeurt jaarlijks op basis van gedocumenteerde doelstellingen die rechtstreeks van het business plan zijn afgeleid en die rekening houden met de specifieke verantwoordelijkheden van elk lid van het BGE.
De realisaties die op basis van die doelstellingen gemeten worden, bepalen alle prestatiegebonden elementen uit het remuneratiepakket van elk ander lid van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder. De objectieven bevatten zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen, en worden over een vooraf bepaalde periode gemeten (tot drie jaren ver).
Het concrete bedrag van de vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE wordt bepaald door de Raad van Bestuur op gemotiveerde aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
In 2015 werd het remuneratiebeleid omtrent de middellange en lange termijn variabele vergoeding voor de leden van het Uitvoerend Management herzien om de afstemming op de belangen van de vennootschap en haar aandeelhouders te optimaliseren. Twee nieuwe lange termijn incentiveplannen werden in 2015 goedgekeurd door een Bijzondere Algemene Vergadering van Aandeelhouders. Deze nieuwe lange termijn incentiveplannen vervangen het huidige middellange en lange termijn plan:
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de bestuurders werden toegekend door de vennootschap of haar dochtervennootschappen met betrekking tot 2015 wordt in de tabel hierna op individuele basis vermeld.
De vergoeding van de Voorzitter voor de uitoefening van al zijn opdrachten in de vennootschap was een vast brutobedrag van € 250 000.
De vergoeding van elke bestuurder, behalve de Voorzitter, voor de uitoefening van zijn opdracht als lid van de Raad van Bestuur bestond uit een vast bedrag van € 42 000 en uit een variabel bedrag van € 4 200 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van de Raad van Bestuur (met een maximum van € 25 200 voor zes vergaderingen per jaar).
De vergoeding van de Voorzitter van het Audit en Finance Comité, voor de uitoefening van haar opdracht als Voorzitter en als lid van het Comité, bestond uit een variabel bedrag van € 4 000 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van het Comité.
De vergoeding van elke bestuurder, behalve de Voorzitter en de Gedelegeerd Bestuurder, voor de uitoefening van zijn opdracht als lid van een Comité van de Raad van Bestuur bestond uit een variabel bedrag van € 3 000 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van het Comité.
| in € | Vaste vergoeding |
Variabele aanwezigheids vergoeding Raad van Bestuur |
Variabele aanwezigheids vergoeding Comités |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| Voorzitter | |||||
| Bert De Graeve | 250 000 | 250 000 | |||
| Bestuurders | |||||
| Alan Begg | 42 000 | 25 200 | 12 000 | 79 200 | |
| Leon Bekaert | 42 000 | 25 200 | 18 000 | 85 200 | |
| Roger Dalle | 21 000 | 12 600 | 0 | 33 600 | |
| Grégory Dalle | 21 000 | 25 200 | 0 | 46 200 | |
| Charles de Liedekerke | 42 000 | 25 200 | 18 000 | 85 200 | |
| François de Visscher | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 | |
| Hubert Jacobs van Merlen | 42 000 | 25 200 | 15 000 | 82 200 | |
| Maxime Jadot | 42 000 | 25 200 | 18 000 | 85 200 | |
| Lady Barbara Judge CBE | 42 000 | 25 200 | 32 000 | 99 200 | |
| Mei Ye | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 | |
| Matthew Taylor | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 | |
| Bernard van de Walle de Ghelcke | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 | |
| Baudouin Velge | 42 000 | 25 200 | 15 000 | 82 200 | |
| Manfred Wennemer | 42 000 | 25 200 | 18 000 | 85 200 | |
| Totaal vergoedingen bestuurders 1 282 200 |
In zijn hoedanigheid van bestuurder heeft de Gedelegeerd Bestuurder recht op dezelfde remuneratie als de niet-uitvoerende bestuurders, behalve de vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van Comités van de Raad van Bestuur, waarvoor hij geen vergoeding ontvangt (cfr. de bovenstaande tabel). De door de Gedelegeerd Bestuurder in zijn hoedanigheid van bestuurder ontvangen vergoeding is begrepen in zijn basissalaris dat in de tabel in punt 6 hierna is vermeld.
Het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE bevat volgende prestatiegebonden elementen:
Tegen pari niveau, bedraagt de waarde van de elementen van de variabele vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het BGE meer dan 25% van hun totale vergoeding. Meer dan de helft van de totale betaling van deze variabele vergoeding wordt uitgesteld met minimum vierentwintig maanden of wordt pas definitief verworven na een periode van drie jaar.
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks door de vennootschap of haar dochtervennootschappen aan de Gedelegeerd Bestuurder werden toegekend voor zijn opdracht als Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2015 wordt hierna vermeld.
| Matthew Taylor | Remuneratie(1) | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Basissalaris | 722 038 Bevat Belgisch basissalaris en alle Belgische en buitenlandse bestuurdersvergoedingen (2) |
|
| Korte termijn variabele vergoeding |
606 375 Jaarlijkse variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2015(3) |
|
| Middellange termijn variabele vergoeding |
0 Middellange termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2013-2015 |
|
| Lange termijn variable vergoeding: |
||
| - toekenning van aandelenopties |
86 000 opties | Aantal toegekende aandelenopties |
| - performance share units |
6 500 units | Aantal toegekende performance share units |
| Pensioen | 144 375 Toegezegde bijdragenregeling |
|
| Andere remuneratie elementen |
57 796 Bevat bedrijfswagen en verzekeringen |
(1) Met betrekking tot 2015, in €
(2) Het basissalaris is inclusief de vergoeding door de Gedelegeerd Bestuurder
ontvangen in zijn hoedanigheid van bestuurder
(3) Inclusief de uitgestelde jaarlijkse variabele vergoeding gebaseerd op prestatie van 2015
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder werden toegekend door de vennootschap of haar dochtervennootschappen met betrekking tot 2015 wordt hierna op globale basis vermeld.
| Remuneratie(1) | Opmerkingen | |
|---|---|---|
| Basissalaris | 2 670 291 Bevat Belgisch basissalaris en alle Belgische en buitenlandse bestuurdersvergoedingen |
|
| Korte termijn variabele vergoeding |
1 716 332 Jaarlijkse variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2015 |
|
| Middellange termijn variabele vergoeding |
0 Middellange termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2013-2015 |
|
| Lange termijn variabele vergoeding: |
||
| - toekenning van aandelenopties |
93 000 opties | Aantal toegekende aandelenopties |
| - performance share units |
17 500 units | Aantal toegekende performance share units |
| Pensioen | 431 718 Toegezegde bijdrage- en toegegezegde pensioenregeling |
|
| Andere remuneratie elementen |
145 776 Bevat bedrijfswagen en verzekeringen |
(1) Met betrekking tot 2015, in €
Het aantal performance share units en het aantal aandelenopties dat in 2015 aan de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE werd toegekend, en het aantal aandelenopties dat in 2015 door hen werd uitgeoefend of is vervallen, wordt op individuele basis in de onderstaande tabel vermeld.
De in 2015 aan de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE toegekende aandelenopties zijn gebaseerd op het SOP2010-2014 plan dat in 2010 door de Raad van Bestuur werd voorgesteld en door een Bijzondere Algemene Vergadering werd goedgekeurd. Het plan biedt opties tot verwerving van bestaande aandelen van de vennootschap aan. Er vindt één gewoon aanbod van opties plaats in december in elk van de jaren 2010 tot en met 2014, en de opties worden toegekend op de zestigste dag volgend op de dag van het aanbod (d.i. in februari van het jaar daarop).
Het totaal aantal aan te bieden opties wordt ieder jaar door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité bepaald.
Het aantal aan elke individuele begunstigde aan te bieden opties is ten dele variabel, op basis van een beoordeling van de lange termijn bijdrage van de betrokken persoon tot het succes van de vennootschap.
De opties worden gratis aan de begunstigden aangeboden. Elke aanvaarde optie verleent de houder het recht op verwerving van één bestaand aandeel van de vennootschap tegen betaling van de uitoefenprijs, die definitief wordt bepaald ten tijde van het aanbod en die gelijk is aan het laagste van: (i) de gemiddelde slotkoers van de aandelen van de vennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die de dag van het aanbod voorafgaan, of (ii) de laatste slotkoers die de dag van het aanbod voorafgaat.
De uitoefenprijs van de in december 2014 aangeboden en in februari 2015 toegekende aandelenopties bedraagt € 26,055 per aandeel.
Onder voorbehoud van de gesloten periodes en de sperperiodes voor de handel in aandelen en van het planreglement kunnen de opties uitgeoefend worden vanaf het begin van het vierde kalenderjaar na de datum van hun aanbod tot het einde van het tiende kalenderjaar na de datum van hun aanbod.
De aandelenopties die in 2015 uitoefenbaar waren, zijn gebaseerd op de eerste twee toekenningen onder het SOP 2010-2014 plan en de plannen die het SOP2010-2014 plan voorafgingen. De bepalingen van die plannen zijn gelijkaardig aan die van het SOP2010-2014 plan, met dien verstande dat de aan werknemers toegekende opties de vorm hadden van warrants die de houders het recht verlenen tot verwerving van nieuw uit te geven aandelen van de vennootschap, terwijl zelfstandige begunstigden recht hebben op verwerving van bestaande aandelen zoals in het SOP2010-2014 plan.
De performance share units die in 2015 zijn toegekend aan de Gedelegeerd Bestuurder en aan de andere leden van het BGE zijn gebaseerd op het nieuwe Performance Share Plan 2015-2017 dat in detail wordt beschreven in punt 2 hierboven.
| Naam | Aantal toegekende performance share units in 2015 |
Aantal toegekende aandelen opties in 2015 |
Aantal uitgeoefende aandelen opties in 2015 |
Aantal vervallen aandelen opties in 2015 |
|---|---|---|---|---|
| Matthew Taylor | 6 500 | 86 000 | - | - |
| Bruno Humblet | 2 500 | 15 000 | - | - |
| Lieven Larmuseau |
2 500 | 12 000 | - | - |
| Geert Van Haver |
2 500 | 12 000 | - | - |
| Piet Van Riet | 2 500 | 15 000 | - | - |
| Curd Vandekerckhove |
2 500 | 15 000 | - | - |
| Frank Vromant | 2 500 | 12 000 | - | - |
| Bart Wille | 2 500 | 12 000 | - | - |
Het Belgisch recht en de normale praktijk vormen de basis voor de vertrekregelingen met de uitvoerende managers, behalve met de Gedelegeerd Bestuurder, de Chief Financial Officer en de Chief Human Resources Officer, van wie de ten tijde van hun benoeming overeengekomen contractuele regelingen een opzeggingstermijn van twaalf maanden voorzien.
Dominique Neerinck, voormalig Chief Technology Officer, is op 31 maart 2015 uit het BGE getreden en heeft de vennootschap verlaten op 30 juni 2015. Overeenkomstig de Belgische wetgeving en de gangbare praktijk gelet op de anciënniteit van de uitvoerende manager, werd een beëindigingsregeling overeengekomen gebaseerd op eenentwintig maanden.
Er bestaan geen bepalingen die de vennootschap het recht verlenen een variabele remuneratie terug te vorderen die aan uitvoerende managers zou zijn toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens, behalve voor de Gedelegeerd Bestuurder bij wie één derde van de betaling van de jaarlijkse korte termijn variabele vergoeding wordt uitgesteld met vierentwintig maanden.
Bekaert wil haar aandeelhouders transparante financiële informatie verschaffen. We streven een continue communicatie na in open dialoog met onze aandeelhouders. Bekaert heeft er altijd voor gekozen snel te reageren op nieuwe internationale regelgeving. De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt conform de International Financial Reporting Standards (IFRS), die door de Europese Unie zijn goedgekeurd. Zowel particuliere als institutionele beleggers kunnen rekenen op ons voortdurend streven naar transparante verslaggeving, zowel op aandeelhoudersvergaderingen als tijdens bijeenkomsten met analisten.
Het Bekaert aandeel noteert op NYSE Euronext Brussels als ISIN BE0974258874 (BEKB) en werd voor het eerst genoteerd in december 1972. De ICB-sectorcode is 2727 Diversified Industrials.
| in € | 2011 | 2012 | 2013 | 2014 | 2015 |
|---|---|---|---|---|---|
| Koers op 31 December | 24,785 | 21,875 | 25,720 26,345 | 28,385 | |
| Hoogste koers | 87,980 | 33,500 | 31,110 30,195 | 30,000 | |
| Laagste koers | 23,500 | 17,210 | 20,010 21,900 | 22,580 | |
| Gemiddelde koers | 54,694 | 22,592 | 24,926 27,155 | 26,124 | |
| Dagelijks volume | 284 289 218 850 126 923 82 813 120 991 | ||||
| Dagelijkse omzet (in miljoen €) | 14,5 | 5,0 | 3,1 | 2,1 | 3,1 |
| Jaarlijkse omzet (in miljoen €) | 3 774 | 1 313 | 796 | 527 | 804 |
| Omloopsnelheid (%, jaarlijks) | 122 | 93 | 54 | 35 | 52 |
| Omloopsnelheid (%, aangepaste free float) |
188 | 144 | 90 | 59 | 86 |
| Free float (%) | 60,9 | 61 | 59,9 | 55,7 | 56,7 |
Het gemiddelde aantal dagelijks verhandelde aandelen was met 121 000 aandelen in 2015 ongeveer 46% hoger in vergelijking met 2014. Het volume piekte op 10 maart, met 415 440 verhandelde aandelen.
Met ingang op 21 maart 2016 bekleedt Bekaert de 20ste plaats in de BEL20, op basis van een marktkapitalisatie van € 1,92 miljard en een free float marktkapitalisatie van € 1,15 miljard (56,70%* en binnen een free float band van 60%) en met een jaarlijkse velocity van 54% en een gewicht van 1,10%.
* Noemer min eigen aandelen en aandelen gehouden door de hoofdaandeelhouder
De aandelenstructuur toont een vrij sterke internationalisering.
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft Bekaert, in haar statuten, aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,5% toegevoegd. Een overzicht van de actuele kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer is te vinden in het hoofdstuk "Informatie met betrekking tot de moedervennootschap (deelnemingen in het kapitaal)".
De Stichting Administratiekantoor Bekaert (hoofdaandeelhouder) bezit 36,22% van de aandelen, terwijl de geïdentificeerde institutionele aandeelhouders 29,75% van de aandelen bezitten. De individuele beleggers vertegenwoordigen 18,53% terwijl Private Banking goed is voor 7,47%. De eigen aandelen vertegenwoordigen 7,07%. 0,96% is ongeïdentificeerd. Van het totale aantal Bekaert aandelen is 0,25% op naam.
Per 31 december 2015 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap € 176 957 000, vertegenwoordigd door 60 125 525 aandelen zonder vermelding van waarde. De aandelen zijn op naam of gedematerialiseerd.
De Gewone Algemene Vergadering gehouden op 9 mei 2012 heeft de Raad van Bestuur gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap in één of meerdere malen te verhogen met een totaal maximum bedrag van € 176 000 000 (exclusief enige uitgiftepremie). Deze machtiging geldt voor een periode van vijf jaar na 5 juni 2012 en kan worden hernieuwd overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen.
Krachtens deze machtiging kan de Raad van Bestuur onder andere een kapitaalverhoging doorvoeren in het kader van het toegestaan kapitaal door middel van de uitgifte van gewone aandelen, inschrijvingsrechten of converteerbare obligaties, en mag ze het voorkeurrecht van de aandeelhouders van de vennootschap beperken of opheffen. Bovendien werd de Raad van Bestuur gemachtigd om, binnen een periode van drie jaar na 26 juni 2014, gebruik te maken van het toegestaan kapitaal na ontvangst door de vennootschap van een mededeling door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) van een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap.
De Raad van Bestuur heeft gebruik gemaakt van haar bevoegdheden in het kader van het toegestaan kapitaal toen hij op 21 mei 2014 besloot om niet-gesubordineerde niet-gewaarborgde converteerbare obligaties uit te geven met vervaldag op 18 juni 2018 voor een totaal bedrag van ongeveer € 300 000 000. Deze converteerbare obligaties brengen een interest van 0,75% per jaar op en de conversieprijs bedraagt € 37,06 per aandeel.
In verband met de uitgifte van de converteerbare obligaties, besloot de Raad van Bestuur om het voorkeurrecht van de bestaande aandeelhouders bepaald in de artikelen 596 en volgende van het Wetboek van vennootschappen op te heffen. De voorwaarden van de converteerbare obligaties laten de vennootschap toe om, bij conversie van de obligaties, nieuwe of bestaande aandelen te leveren of een bedrag in cash te betalen.
Teneinde de verwatering voor bestaande aandeelhouders bij conversie van de converteerbare obligaties te verzachten, heeft de Raad van Bestuur het voornemen om waar mogelijk het bedrag in hoofdsom van de converteerbare obligaties in cash terug te betalen en, indien de dan geldende aandeelprijs boven de conversieprijs ligt, het verschil in bestaande aandelen van de vennootschap te betalen. De Raad van Bestuur is een programma van aandeleninkoop gestart teneinde aandelen te kopen, in een aantal dat al dan niet gelijk kan zijn aan het maximum aantal van bestaande aandelen die vereist zouden zijn teneinde het verschil tussen de conversieprijs en de dan geldende aandeelprijs bij conversie van de obligaties te betalen. De conversie van de converteerbare obligaties zou dan geen verwateringseffect voor de bestaande aandeelhouders hebben.
Bovendien laten de voorwaarden van de converteerbare obligaties de vennootschap toe de obligaties in bepaalde omstandigheden terug te betalen tegen hun bedrag in hoofdsom samen met de opgelopen rente, bijvoorbeeld als de aandelen van de vennootschap worden verhandeld tegen een hogere prijs dan 130% van de conversieprijs gedurende een bepaalde periode na 9 juli 2016.
Aandelenoptieplannen en performance share plan Het totale aantal uitstaande, in Bekaert aandelen converteerbare warrants onder de SOP1 en SOP2005-2009 aandelenoptieplannen bedraagt 456 486. In de loop van 2015 werden in totaal 14 120 warrants uitgeoefend onder de SOP1 en SOP2005-2009 aandelenoptieplannen voor werknemers. Dit resulteerde in de uitgifte van 14 120 nieuwe aandelen van de vennootschap, een verhoging van het maatschappelijk kapitaal met € 43 000 en een verhoging van de uitgiftepremie met € 191 638. In de loop van 2015 werden in totaal 26 300 aandelenopties uitgeoefend onder het SOP2010-2014 aandelenoptieplan en 26 300 eigen aandelen werden daarvoor geleverd. In de loop van 2015 werden geen eigen aandelen vernietigd of ingekocht. Bijgevolg hield de vennootschap 4 248 710 aandelen in portefeuille op 31 december 2015. De vijfde en laatste gewone toekenning van opties in het kader van het SOP2010-2014 aandelenoptieplan vond plaats op 16 februari 2015: er werden 349 810 opties toegekend. Elke optie zal kunnen worden omgezet in één bestaand aandeel van de vennootschap tegen een uitoefenprijs van € 26,055. In totaal werden 1 899 185 opties toegekend onder het SOP2010-2014 aandelenoptieplan. Er werden twee nieuwe lange termijn incentiveplannen voorgesteld door de Raad van Bestuur en goedgekeurd door een Bijzondere Algemene Vergadering van Aandeelhouders in 2015:
Het SOP2015-2017 plan en zijn voorgangers zijn conform de relevante bepalingen van de wet van 26 maart 1999 en de artikelen 520ter en 525, laatste lid, van het Wetboek van vennootschappen.
Detailgegevens omtrent kapitaal, aandelen en aandelenoptieplannen zijn te vinden in het Financieel Overzicht (Toelichting 6.12 bij de geconsolideerde jaarrekening).
Per aandeel
| in € | 2011 | 2012 | 2013 | 2014 | 2015* |
|---|---|---|---|---|---|
| Tussentijds/interim dividend | 0,67 | ||||
| Dividend zonder tussentijds interim dividend |
0,500 0,850 0,850 0,850 | 0,900 | |||
| Totaal brutodividend | 1,170 0,850 0,850 0,850 | 0,900 | |||
| Netto dividend** | 0,878 0,638 0,638 0,638 | 0,657 | |||
| Coupon number | 2-3 | 4 | 5 | 6 | 7 |
* Dividend onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2016.
** Onderheving aan de takswetgeving van toepassing.
De Raad van Bestuur zal de op 11 mei 2016 te houden Gewone Algemene Vergadering voorstellen een brutodividend van € 0,90 per aandeel uit te keren.
De Gewone Algemene Vergadering vond plaats op 13 mei 2015. Een Buitengewone Algemene Vergadering werd gehouden op 9 april 2015. Een Bijzondere Algemene Vergadering werd gehouden op 9 oktober 2015. De besluiten van de vergaderingen zijn op www.bekaert.com terug te vinden.
De statuten bevatten geen beperkingen inzake de overdraagbaarheid van de aandelen, behoudens ingeval van controlewijziging, voor dewelke conform artikel 11 van de statuten de voorafgaande goedkeuring van de Raad van Bestuur moet worden aangevraagd.
Voor het overige zijn de aandelen vrij overdraagbaar. De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige wettelijke beperking op de overdracht van aandelen in hoofde van enige aandeelhouder.
Elk aandeel geeft recht op één stem. De statuten bevatten geen beperkingen van het stemrecht en iedere aandeelhouder kan zijn stemrecht uitoefenen op voorwaarde dat hij geldig werd toegelaten tot de Algemene Vergadering en dat zijn rechten niet werden geschorst.
De regels inzake de toelating tot de Algemene Vergadering zijn opgenomen in het Wetboek van vennootschappen en in artikelen 31 en 32 van de statuten.
Krachtens artikel 10 kan de vennootschap de uitoefening schorsen van rechten verbonden aan effecten die toebehoren aan verscheidene eigenaars.
Niemand kan op de Algemene Vergadering aan een stemming deelnemen voor stemrechten die verbonden zijn aan effecten waarvan hij niet krachtens de wet tijdig kennis heeft gegeven.
De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige andere wettelijke beperking inzake de uitoefening van het stemrecht.
De Raad van Bestuur zijn geen
aandeelhoudersovereenkomsten bekend welke aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdracht van effecten of van de uitoefening van het stemrecht, met uitzondering van de overeenkomsten vermeld in de kennisgevingen die opgenomen zijn in het hoofdstuk "Informatie met betrekking tot de moedervennootschap (deelnemingen in het kapitaal)".
De statuten (artikelen 15 en volgende) en het Bekaert Charter bevatten specifieke regels inzake de (her)benoeming, vorming en evaluatie van bestuurders.
De bestuurders worden voor een maximale duur van vier jaar door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd, die hen ook te allen tijde kan ontslaan. Een besluit tot benoeming of ontslag behoeft de gewone meerderheid van de stemmen. De kandidaten voor de opdracht van bestuurder, die deze opdracht nog niet vervuld hebben in de vennootschap, moeten ten laatste twee maanden vóór de Gewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur op de hoogte brengen van hun kandidatuur.
Enkel wanneer een plaats van bestuurder vroegtijdig openvalt, kunnen de overblijvende bestuurders zelf een nieuwe bestuurder benoemen (coöpteren). In dat geval zal de eerstvolgende Algemene Vergadering de definitieve benoeming doen.
Het benoemingsproces van bestuurders wordt geleid door de Voorzitter van de Raad van Bestuur. Het Benoemings- en Remuneratiecomité doet een gemotiveerde aanbeveling aan de voltallige Raad, die op basis daarvan beslist welke kandidaten worden voorgedragen aan de Algemene Vergadering.
Bestuurders zijn in de regel herbenoembaar voor een onbeperkt aantal termijnen, met dien verstande dat bestuurders ten tijde van hun initiële benoeming niet jonger mogen zijn dan 35 jaar en niet ouder dan 66 jaar, en dat een bestuurder ontslag moet nemen in het jaar waarin hij de leeftijd van 69 jaar bereikt.
De statuten kunnen door de Buitengewone Algemene Vergadering worden gewijzigd conform de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen. Elke statutenwijziging behoeft een bijzondere meerderheid van stemmen.
De Raad van Bestuur is op grond van artikel 44 van de statuten gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal in één of meerdere malen te verhogen met een maximum bedrag van € 176 000 000. De duur van deze machtiging bedraagt vijf jaar vanaf 5 juni 2012, doch is door de Algemene Vergadering hernieuwbaar.
In het kader van deze machtiging kan de Raad van Bestuur ook gedurende een periode van drie jaar vanaf 26 juni 2014, in geval van ontvangst door de vennootschap van een mededeling door de FSMA van een openbaar overnamebod, het maatschappelijk kapitaal verhogen voor zover:
Ook deze machtiging is hernieuwbaar door de Algemene Vergadering.
Verder is de Raad van Bestuur krachtens artikel 12 van de statuten gemachtigd om maximum het aantal aandelen te verkrijgen waarvan de gezamenlijke fractiewaarde niet hoger is dan 20% van het geplaatste kapitaal, gedurende een periode van vijf jaar vanaf 5 juni 2012 (die door de Algemene Vergadering kan worden hernieuwd), tegen een prijs die ligt tussen één euro als minimumwaarde en 30% boven het rekenkundig gemiddelde van de slotkoers van het Bekaert aandeel gedurende de laatste 30 beursdagen vóór het besluit van de Raad van Bestuur tot verkrijging als maximumwaarde. De Raad van Bestuur is gemachtigd om alle of een gedeelte van de ingekochte aandelen gedurende die periode van vijf jaar te vernietigen.
De Raad van Bestuur is tevens gemachtigd om eigen aandelen te verkrijgen wanneer dit noodzakelijk is ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de vennootschap, zoals een openbaar overnamebod. Deze machtiging is toegekend voor een periode van drie jaar vanaf 24 april 2015, doch kan door de Algemene Vergadering verlengd worden.
Artikelen 12bis en 12ter van de statuten bevatten regels voor de vervreemding van ingekochte aandelen en voor de verwerving en vervreemding van aandelen door dochtervennootschappen.
De bevoegdheden van de Raad van Bestuur zijn in detail beschreven in de toepasselijke wettelijke bepalingen terzake, de statuten en het Bekaert Charter.
De vennootschap is partij bij een aantal belangrijke overeenkomsten die in werking treden, wijzigingen ondergaan of aflopen in geval van een wijziging van controle over de vennootschap, al dan niet na een openbaar overnamebod. In de mate waarin op grond van deze overeenkomsten aan derden rechten worden toegekend die een invloed hebben op het vermogen van de vennootschap, dan wel een schuld of een verplichting te haren laste doen ontstaan, werden deze rechten, conform artikel 556 van het Wetboek van vennootschappen, goedgekeurd door de Bijzondere Algemene Vergaderingen van 13 april 2006, 16 april 2008, 15 april 2009, 14 april 2010 en 7 april 2011 en door de Gewone Algemene Vergaderingen van 9 mei 2012, 8 mei 2013, 14 mei 2014 en 13 mei 2015; de notulen van die vergaderingen werden op 14 april 2006, 18 april 2008, 17 april 2009, 16 april 2010, 15 april 2011, 30 mei 2012, 23 mei 2013, 20 juni 2014 en 19 mei 2015 ter griffie van de Rechtbank van Koophandel te Kortrijk neergelegd en zijn beschikbaar op www.bekaert.com.
Het betreft in hoofdzaak joint venture overeenkomsten (die de relaties tussen partijen in het kader van een gemeenschappelijke dochtervennootschap omschrijven), overeenkomsten waarbij door financiële instellingen of particuliere investeerders geldmiddelen ter beschikking van de vennootschap of van een van haar dochtervennootschappen worden gesteld, en overeenkomsten tot levering van goederen of diensten door of aan de vennootschap. Elk van deze overeenkomsten bevat clausules die, ingeval van wijziging van de controle van de vennootschap, de wederpartij in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden het recht verlenen om de overeenkomst vervroegd te beëindigen, en in het geval van een financiële overeenkomst tevens de vervroegde terugbetaling van de ter beschikking gestelde geldmiddelen te eisen. In het geval van joint venture overeenkomsten wordt voorzien dat, ingeval van controlewijziging van de vennootschap, de wederpartij de participatie van de vennootschap in de joint venture kan verwerven (met uitzondering van de Chinese vennootschappen, waarbij partijen in overleg dienen te bepalen of een partij de joint venture alleen voortzet, waarna deze de participatie van de andere partij dient te kopen), waarbij de waarde tegen dewelke de participatie alsdan is over te dragen wordt bepaald in functie van contractuele formules die beogen een overdracht tegen een arm's length prijs te verzekeren.
De volgende beschrijving van Bekaerts interne controleen risicobeheerssystemen is gebaseerd op de "Internal Control Integrated Framework" (1992) en de "Enterprise Risk Management Framework" (2004), gepubliceerd door het "Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission" (COSO).
De organisatie van de diensten boekhouding en controle bestaat uit drie niveaus: (i) het boekhoudkundige team in de verschillende juridische entiteiten of gezamenlijke dienstencentra, verantwoordelijk voor de voorbereiding en de rapportering van de financiële informatie, (ii) de controllers op de verschillende niveaus in de organisatie (zoals fabriek en regio), verantwoordelijk voor o.a. het nazicht van de financiële informatie in hun verantwoordelijkheidsdomein, en (iii) de dienst Groepscontrole, verantwoordelijk voor het finale nazicht van de financiële informatie van de verschillende juridische entiteiten en voor de voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening.
Naast bovengemelde gestructureerde controles, voert het interne audit departement een risico-gebaseerd programma uit om de doeltreffendheid van de interne controle in de verschillende processen op het niveau van de juridische entiteiten te valideren en een betrouwbare financiële rapportering te verzekeren.
De geconsolideerde jaarrekening van Bekaert is opgemaakt in overeenstemming met de "International Financial Reporting Standards" (IFRS), onderschreven door de Europese Unie.
Die jaarrekening is eveneens conform de IFRS uitgegeven door de "International Accounting Standards Board".
Alle IFRS-boekhoudnormen, richtlijnen en interpretaties, toe te passen door alle jurdische entiteiten, zijn gegroepeerd in het IFRS-handboek, dat beschikbaar is op het Bekaert intranet voor alle werknemers die betrokken zijn bij de financiële rapportering. Dit handboek wordt regelmatig aangepast door Groepscontrole ingeval van relevante wijzigingen in IFRS, of interpretaties ervan, en de gebruikers worden van elke dergelijke wijziging op de hoogte gebracht. IFRS-opleidingen vinden plaats in de verschillende regio's wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.
De overgrote meerderheid van de vennootschappen van de Groep gebruikt Bekaerts globale "enterprise resource planning" (ERP) systeem, en de boekhoudkundige transacties worden ingeboekt in een uniform rekeningenstelsel, waarbij boekhoudkundige handboeken de standaard manier van boeking voor de meest relevante transacties beschrijven. Deze boekhoudkundige handboeken worden aan de gebruikers toegelicht tijdens opleidingssessies en zijn beschikbaar op het Bekaert intranet.
Alle vennootschappen van de Groep gebruiken dezelfde software om de financiële gegevens te rapporteren voor consolidatie en externe rapporteringsdoeleinden. Een rapporteringhandboek is beschikbaar op het Bekaert intranet en opleidingen vinden plaats wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.
Er worden geschikte maatregelen genomen om een tijdige en kwalitatieve rapportering te garanderen en om de potentiële risico's die gerelateerd zijn aan het financiële rapporteringsproces te beperken, met inbegrip van: (i) goede coördinatie tussen de diensten Groepscommunicatie en Groepscontrole, (ii) zorgvuldige planning van alle activiteiten, met inbegrip van verantwoordelijken en timings, (iii) richtlijnen verdeeld door Groepscontrole naar de verantwoordelijken vóór de kwartaalrapportering, met inbegrip van relevante aandachtspunten, en (iv) opvolging en terugkoppeling van de stiptheid, kwaliteit en aandachtspunten om te streven naar continue verbetering.
Een kwartaalevaluatie vindt plaats over de financiële resultaten, bevindingen door het interne audit departement, en andere belangrijke controlegebeurtenissen, en de resultaten worden besproken met de commissaris.
Materiële wijzigingen in de IFRS-boekhoudnormen worden gecoördineerd door Groepscontrole, nagezien door de commissaris, gerapporteerd aan het Audit en Finance Comité, en geacteerd door de Raad van Bestuur van de vennootschap.
Materiële wijzigingen in de statutaire boekhoudnormen van een vennootschap worden goedgekeurd door diens Raad van Bestuur.
De correcte toepassing door de juridische entiteiten van de boekhoudnormen beschreven in het IFRS-handboek, alsmede de juistheid, de consistentie en de volledigheid van de gerapporteerde informatie, worden op een permanente basis nagezien door de controleorganisatie (zoals boven beschreven). Bovendien worden alle relevante entiteiten op periodieke basis gecontroleerd door het interne audit departement. Voor de meest belangrijke onderliggende processen (verkoop, aankoop; investeringen, thesaurie, enz.) bestaan er richtlijnen en procedures die onderhevig zijn aan (i) een evaluatie door de respectieve managementteams middels een zelfbeoordelingstool, en (ii) controle door het interne audit departement op een roterende basis.
In het ERP-systeem wordt nauw toezicht gehouden op mogelijke conflicten met betrekking tot scheiding van verantwoordelijkheden.
Bekaert heeft in de meeste groepsvennootschappen een globaal ERP-systeemplatform ingevoerd om de efficiënte verwerking van transacties te ondersteunen en het management te voorzien van transparante en betrouwbare informatie om de operationele activiteiten te beheren, te controleren en te sturen.
De verstrekking van diensten van informatietechnologie om deze systemen te laten lopen, te onderhouden en te ontwikkelen, wordt in grote mate uitbesteed aan professionele toeleveranciers van IT-diensten die gestuurd en gecontroleerd worden door geëigende IT-controlestructuren en waarvan de kwaliteit bewaakt wordt door uitgebreide dienstverleningscontracten.
Samen met haar IT-toeleveranciers heeft Bekaert adequate managementprocessen geïmplementeerd om te verzekeren dat geschikte maatregelen op dagelijkse basis getroffen worden om de prestaties, de beschikbaarheid en de integriteit van haar IT-systemen te behouden. Op regelmatige ogenblikken wordt de geschiktheid van deze procedures nagetrokken en geauditeerd en waar nodig verder geoptimaliseerd.
Een gepaste toewijzing van verantwoordelijkheden, en coördinatie tussen de betrokken afdelingen, verzekeren een efficiënt en stipt communicatieproces van periodieke financiële informatie naar de markt. Voor het eerste en het derde kwartaal wordt een trading update gepubliceerd, terwijl alle relevante financiële informatie op halfjaarlijkse en op jaarlijkse basis wordt bekendgemaakt. Vóór de externe rapportering wordt de verkoops- en financiële informatie onderworpen aan (i) de gepaste controles door de bovengenoemde controleorganisatie,
(ii) nazicht door het Audit en Finance Comité, en (iii) goedkeuring door de Raad van Bestuur van de vennootschap.
Elke beduidende wijziging in de door Bekaert toegepaste IFRS-boekhoudnormen wordt onderworpen aan nazicht door het Audit en Finance Comité en door de Raad van Bestuur van de vennootschap, met inbegrip van het eerste gebruik van IFRS in 2000.
De leden van de Raad van Bestuur worden op periodieke basis op de hoogte gehouden van de evolutie en belangrijke wijzigingen in de onderliggende IFRS-standaarden.
Alle relevante financiële informatie wordt toegelicht aan het Audit en Finance Comité en de Raad van Bestuur om hen in staat te stellen de jaarrekening te analyseren. Alle gerelateerde persberichten worden goedgekeurd vóór hun verspreiding naar de markt.
Relevante bevindingen van het interne audit departement en/of de commissaris in verband met de toepassing van de boekhoudnormen, de geschiktheid van de richtlijnen en procedures, en de scheiding van verantwoordelijkheden, worden gerapporteerd aan het Audit en Finance Comité.
Er wordt ook een periodieke thesaurie-update voorgelegd aan het Audit en Finance Comité.
Er bestaat een procedure om het relevante bestuursorgaan van de vennootschap op korte termijn bijeen te roepen wanneer de omstandigheden dit dicteren.
De Raad van Bestuur en het BGE hebben de Bekaert Gedragscode goedgekeurd, die voor het eerst uitgegeven werd op 1 december 2004 en aangepast werd op 1 maart 2009. De Gedragscode bepaalt de Bekaert missie en waarden, evenals de basisprincipes van het zakendoen door Bekaert. Naleving van de Gedragscode is verplicht voor alle groepsvennootschappen. De Gedragscode maakt als Appendix 3 deel uit van het Bekaert Charter en is beschikbaar op www.bekaert.com. Meer gedetailleerde procedures en richtlijnen worden opgemaakt indien nodig om de consistente toepassing van de Gedragscode doorheen de Groep te verzekeren.
Bekaerts interne controlemodel bestaat uit een aantal groepsprocedures voor de belangrijkste bedrijfsprocessen die wereldwijd toegepast worden. Bekaert heeft diverse middelen ter beschikking om de effectiviteit en de efficiëntie van het ontwerp en de werking van het interne controlemodel constant te bewaken.
Voor alle nieuwe medewerkers wordt een verplichte opleiding over interne controle georganiseerd, en er is een zelfbeoordelingstool in gebruik aan de hand waarvan de managementteams zichzelf kunnen evalueren omtrent de stand van zaken van de interne controle.
Het interne audit departement bewaakt de interne controlesituatie op basis van het globale model en rapporteert op elke vergadering van het Audit en Finance Comité.
Het BGE evalueert regelmatig de exposure van de Groep aan risico's, de potentiële financiële impact daarvan, en de acties die vereist zijn om de exposure op te volgen en te beheersen.
Op verzoek van de Raad van Bestuur en het Audit en Finance Comité heeft het management een globaal "enterprise risk management" (ERM) kader ontwikkeld om de Groep op een expliciete manier bij te staan bij het beheersen van onzekerheid in Bekaerts waardecreatieproces. Het kader bestaat uit de identificatie, de evaluatie en de prioritering van de voornaamste risico's waarmee Bekaert wordt geconfronteerd, en uit de permanente rapportering en opvolging van die voornaamste risico's (met inbegrip van de ontwikkeling en de implementatie van risicobeheersingsplannen).
De risico's worden in vijf categorieën geïdentificeerd: strategische, operationele, juridische, financiële en landenrisico's. De geïdentificeerde risico's worden op twee assen ondergebracht: waarschijnlijkheid, en impact of gevolgen. De evolutie van de risicogevoeligheid (afname, toename, stabiel) wordt eveneens gemeten teneinde de doeltreffendheid van de ondernomen acties en de potentiële wijzigingen in de risicocontext in aanmerking te nemen.
Bekaerts ERM-verslag over 2015 bevat o.a. de volgende potentiële risico's:
Het overzicht van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen is opgenomen in het Financieel Overzicht van het Jaarverslag 2015, vanaf pagina 4. 1.
Een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden is opgenomen in de Corporate Governance Verklaring, pagina 52 in het eerste deel van het Jaarverslag 2015. Bovendien wordt verwezen naar Toelichtingen 3 (pagina's 21-23) en 7.3 (pagina's 84-95) bij de geconsolideerde jaarrekening, in het Financieel Overzicht in het Jaarverslag 2015.
| Geconsolideerde jaarrekening 4 | |
|---|---|
| Geconsolideerde winst-en-verliesrekening 4 | |
| Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat 5 | |
| Geconsolideerde balans 6 | |
| Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen 7 | |
| Geconsolideerd kasstroomoverzicht 8 |
| 2. | Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor financiële verslaggeving 9 | |
|---|---|---|
| 2.1. | Conformiteitsverslag 9 | |
| - Nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties 9 | ||
| 2.2. | Algemene principes 11 | |
| - Voorstellingsbasis 11 | ||
| - Consolidatieprincipes 11 | ||
| - Valutaomrekening 12 | ||
| 2.3. | Balanselementen 12 | |
| - Immateriële activa 12 | ||
| - Goodwill en bedrijfscombinaties 13 | ||
| - Materiële vaste activa 14 | ||
| - Lease-overeenkomsten 14 | ||
| - Investeringssubsidies 14 | ||
| - Financiële activa 14 | ||
| - Voorraden 15 | ||
| - Kapitaal 15 | ||
| - Minderheidsbelangen 16 | ||
| - Voorzieningen 16 | ||
| - Voorzieningen voor personeelsbeloningen 16 | ||
| - Rentedragende schulden 17 | ||
| - Handelsschulden en overige verplichtingen op ten hoogste een jaar 17 | ||
| - Winstbelastingen 17 | ||
| - Derivaten, afdekking en afdekkingsreserve 18 | ||
| - Bijzondere waardevermindering van activa 19 | ||
| 2.4. | Elementen van de winst-en-verliesrekening 19 | |
| - Opname van opbrengsten 19 | ||
| - Eenmalige opbrengsten en kosten 19 | ||
| 2.5. | Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen 20 | |
| 2.6. | Diverse 20 | |
| - Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten 20 | ||
| - Voorwaardelijke activa en verplichtingen 20 | ||
| - Gebeurtenissen na balansdatum 20 | ||
| 3. | Cruciale beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden 21 | |
| 3.1. | Cruciale beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving 21 | |
| 3.2. | Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden 22 | |
| 4. | Segment rapportering 24 | |
| 5. | Elementen van de winst-en-verliesrekening en het volledig perioderesultaat 29 | |
| 5.1. | Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie 29 | |
| 5.2. | Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten 31 | |
| 5.3. | Renteopbrengsten en -lasten 32 | |
| 5.4. 5.5. |
Overige financiële opbrengsten en lasten 32 Winstbelastingen 33 |
|
|---|---|---|
| 5.6. | Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen 34 | |
| 5.7. | Winst per aandeel 34 | |
| 6. | Balanselementen 36 | |
| 6.1. | Immateriële activa 36 | |
| 6.2. | Goodwill 37 | |
| 6.3. | Materiële vaste activa 40 | |
| 6.4. | Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen 42 | |
| 6.5. | Overige vaste activa 45 | |
| 6.6. | Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen 46 | |
| 6.7. | Operationeel werkkapitaal 49 | |
| 6.8. | Overige vorderingen 50 | |
| 6.9. | Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen 50 | |
| 6.10. Overige vlottende activa 50 | ||
| 6.11. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa 51 | ||
| 6.12. Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants, aandelenopties en prestatieaandelen 52 | ||
| 6.13. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves 56 | ||
| 6.14. Minderheidsbelangen 59 | ||
| 6.15. Voorzieningen voor personeelsbeloningen 64 | ||
| 6.16. | Overige voorzieningen 72 | |
| 6.17. Rentedragende schulden 73 | ||
| 6.18. Overige verplichtingen op meer dan een jaar 74 | ||
| 6.19. Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar 74 | ||
| 7. | Diverse elementen 75 | |
| 7.1. | Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht 75 | |
| 7.2. | Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten 78 | |
| 7.3. | Beheer van financiële risico's en derivaten 84 | |
| 7.4. | Voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen 96 | |
| 7.5. | Verbonden partijen 98 | |
| 7.6. | Gebeurtenissen na balansdatum 99 | |
| 7.7. | Opdrachten uitgevoerd door de commissaris en aanverwante personen 99 | |
| 7.8. | Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen 100 |
| Informatie met betrekking tot de moedervennootschap 105 | |
|---|---|
| Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA 105 Voorstel van resultaatsverwerking NV Bekaert SA 2015 108 Statutaire benoemingen 109 |
| Verslag van de commissaris 110 | ||||
|---|---|---|---|---|
| --------------------------------- | -- | -- | -- | -- |
| Toe | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december | lichting | 2014 | 2015 |
| Omzet | 5.1. | 3 215 714 | 3 671 081 |
| Kostprijs van verkopen | 5.1. | -2 729 995 | -3 072 673 |
| Marge op omzet | 5.1. | 485 719 | 598 408 |
| Commerciële kosten | 5.1. | -138 126 | -156 106 |
| Administratieve kosten | 5.1. | -126 894 | -150 005 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | 5.1. | -59 261 | -64 597 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 5.1. | 21 978 | 17 120 |
| Andere bedrijfskosten | 5.1. | -19 009 | -21 931 |
| Bedrijfsresultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) | 5.1. | 164 407 | 222 889 |
| Eenmalige opbrengsten en kosten | 5.1. | 6 847 | -2 769 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 5.1. / 5.2. | 171 254 | 220 120 |
| Renteopbrengsten | 5.3. | 5 291 | 8 585 |
| Rentelasten | 5.3. | -68 215 | -70 941 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | 5.4. | -3 730 | -33 811 |
| Resultaat vóór belastingen | 104 600 | 123 953 | |
| Winstbelastingen | 5.5. | -42 376 | -36 387 |
| Resultaat na belastingen (geconsolideerde ondernemingen) | 62 224 | 87 566 | |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen |
5.6. | 25 330 | 18 320 |
| PERIODERESULTAAT | 87 554 | 105 886 | |
| Toerekenbaar aan | |||
| de Groep | 87 176 | 101 969 | |
| minderheidsbelangen van derden | 6.14. | 378 | 3 917 |
| Winst per aandeel | |||
| in € per aandeel | 5.7. | 2014 | 2015 |
| in € per aandeel | 5.7. | 2014 | 2015 |
|---|---|---|---|
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | |||
| Basisberekening | 1,513 | 1,826 | |
| Na verwateringseffect | 1,333 | 1,819 | |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze winst-en-verliesrekening.
| Toe | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december | lichting | 2014 | 2015 | |
| Perioderesultaat | 87 554 | 105 886 | ||
| Andere elementen van het resultaat | 6.13. | |||
| Andere elementen van het resultaat die later geherklasseerd kunnen | ||||
| worden naar de winst-en-verliesrekening | ||||
| Omrekeningsverschillen | ||||
| Omrekeningsverschillen van de periode | 91 826 | -16 463 | ||
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge afstotingen | ||||
| of gefaseerde overnames van entiteiten | 1 042 | 393 | ||
| Inflatie-aanpassingen | 1 574 | 1 208 | ||
| Kasstroomafdekkingen | ||||
| Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten | -7 896 | 6 034 | ||
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge | ||||
| resultaatseffecten op afgedekte posities | 8 651 | -5 859 | ||
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||||
| Wijzigingen in reële waarde van financiële activa beschikbaar voor | ||||
| verkoop | 1 248 | - | ||
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge bijzondere | ||||
| waardeverminderingen of afstotingen | 157 | -2 001 | ||
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het | ||||
| resultaat die later geherklasseerd kunnen worden naar de winst-en | ||||
| verliesrekening | 6.6. | 1 066 | -67 | |
| Andere elementen van het resultaat die later geherklasseerd kunnen | ||||
| worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen | 97 668 | -16 755 | ||
| Andere elementen van het resultaat die later niet geherklasseerd kunnen | ||||
| worden naar de winst-en-verliesrekening | ||||
| Herwaarderingen van de nettoverplichting m.b.t. | ||||
| toegezegdpensioenregelingen | -28 418 | 11 321 | ||
| Aandeel in niet-herklasseerbare andere elementen van het resultaat van | ||||
| joint ventures en geassocieerde ondernemingen | -219 | -30 | ||
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het | ||||
| resultaat die later niet geherklasseerd kunnen worden naar de winst-en | ||||
| verliesrekening | 6.6. | 1 021 | 130 | |
| Andere elementen van het resultaat die later niet geherklasseerd | ||||
| kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen | -27 616 | 11 421 | ||
| Andere elementen van het resultaat (opgenomen in het eigen vermogen) | 70 052 | -5 334 | ||
| VOLLEDIG PERIODERESULTAAT | 157 606 | 100 552 | ||
| Toerekenbaar aan | ||||
| de Groep | 141 948 | 91 184 | ||
| minderheidsbelangen van derden | 6.14. | 15 658 | 9 368 | |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van dit overzicht.
| Activa per 31 december | Toe | ||
|---|---|---|---|
| in duizend € | lichting | 2014 | 2015 |
| Vaste activa | 1 850 842 | 1 920 697 | |
| Immateriële activa | 6.1. | 98 087 | 109 448 |
| Goodwill | 6.2. | 18 483 | 35 699 |
| Materiële vaste activa | 6.3. | 1 432 803 | 1 490 454 |
| Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 6.4. | 155 734 | 114 119 |
| Overige vaste activa | 6.5. | 44 468 | 39 773 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 6.6. | 101 267 | 131 204 |
| Vlottende activa | 2 106 873 | 1 960 422 | |
| Voorraden | 6.7. | 640 807 | 628 731 |
| Ontvangen bankwissels | 6.7. | 114 118 | 68 005 |
| Handelsvorderingen | 6.7. | 707 569 | 686 364 |
| Overige vorderingen | 6.8. | 106 627 | 99 286 |
| Geldbeleggingen | 6.9. | 14 160 | 10 216 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 6.9. | 458 542 | 401 771 |
| Overige vlottende activa | 6.10. | 65 050 | 66 049 |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6.11. | - | - |
| Totaal | 3 957 715 | 3 881 119 |
| Passiva per 31 december | Toe | ||
|---|---|---|---|
| in duizend € | lichting | 2014 | 2015 |
| Eigen vermogen | 1 566 212 | 1 515 911 | |
| Kapitaal | 6.12. | 176 914 | 176 957 |
| Uitgiftepremies | 31 693 | 31 884 | |
| Overgedragen resultaten | 6.13. | 1 352 197 | 1 397 356 |
| Eigen aandelen | 6.13. | -145 953 | -144 747 |
| Overige Groepsreserves | 6.13. | -48 060 | -76 751 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep | 1 366 791 | 1 384 699 | |
| Minderheidsbelangen | 6.14. | 199 421 | 131 212 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 1 204 581 | 1 077 862 | |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | 6.15. | 175 774 | 167 131 |
| Overige voorzieningen | 6.16. | 55 744 | 50 198 |
| Rentedragende schulden | 6.17. | 910 074 | 792 116 |
| Overige verplichtingen op meer dan een jaar | 6.18. | 8 736 | 15 204 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 6.6. | 54 253 | 53 213 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 1 186 922 | 1 287 346 | |
| Rentedragende schulden | 6.17. | 441 552 | 494 714 |
| Handelsschulden | 6.7. | 390 943 | 456 783 |
| Personeelsbeloningen | 6.7. / 6.15. | 121 934 | 131 281 |
| Overige voorzieningen | 6.16. | 20 493 | 26 973 |
| Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen | 97 424 | 105 832 | |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | 6.19. | 114 576 | 71 763 |
| Verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd | |||
| als aangehouden voor verkoop | 6.11. | - | - |
| Totaal | 3 957 715 | 3 881 119 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze balans.
| Overige Groepsreserves1 | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Uitgifte | Over gedragen |
Eigen | Gecumu leerde om rekenings |
Overige | Eigen vermogen toerekenbaar |
Minder heids |
|||
| in duizend € | Kapitaal | premies | resultaten | aandelen | verschillen | reserves | aan de Groep | belangen2 | Totaal |
| Saldo per | |||||||||
| 1 januari 2014 | 176 773 | 31 055 | 1 307 618 | -73 851 | -84 776 | -10 543 | 1 346 276 | 157 600 | 1 503 876 |
| Volledig perioderesultaat | - | - | 89 003 | - | 76 861 | -23 916 | 141 948 | 15 658 | 157 606 |
| Kapitaalverhogingen door | |||||||||
| minderheidsbelangen | - | - | - | - | - | - | - | 53 399 | 53 399 |
| Effect van bedrijfs | |||||||||
| combinatie met | |||||||||
| ArcelorMittal | - | - | 7 238 | - | 1 459 | 309 | 9 006 | 11 797 | 20 803 |
| Effect van bedrijfs | |||||||||
| combinatie met Maccaferri | - | - | - | - | - | -8 200 | -8 200 | 2 753 | -5 447 |
| Effect van bedrijfs | |||||||||
| combinatie met Pirelli | - | - | 82 | - | - | -82 | - | 9 197 | 9 197 |
| Overige wijzigingen in | |||||||||
| Groepstructuur | - | - | -2 094 | - | 307 | -2 324 | -4 111 | 2 241 | -1 870 |
| In eigenvermogens | |||||||||
| instrumenten | |||||||||
| afgewikkelde, op aandelen | |||||||||
| gebaseerde betalingen | - | - | - | - | - | 2 845 | 2 845 | - | 2 845 |
| Uitgifte nieuwe aandelen | 141 | 638 | - | - | - | - | 779 | - | 779 |
| Transacties eigen | |||||||||
| aandelen | - | - | - | -72 102 | - | - | -72 102 | - | -72 102 |
| Dividenden | - | - | -49 650 | - | - | - | -49 650 | -53 224 | -102 874 |
| Saldo per | |||||||||
| 31 december 2014 | 176 914 | 31 693 | 1 352 197 | -145 953 | -6 149 | -41 911 | 1 366 791 | 199 421 | 1 566 212 |
| Saldo per | |||||||||
| 1 januari 2015 | 176 914 | 31 693 | 1 352 197 | -145 953 | -6 149 | -41 911 | 1 366 791 | 199 421 | 1 566 212 |
| Volledig perioderesultaat | - | - | 103 667 | - | -21 942 | 9 459 | 91 184 | 9 368 | 100 552 |
| Kapitaalverhogingen door | |||||||||
| minderheidsbelangen | - | - | - | - | - | - | - | 14 967 | 14 967 |
| Herclassificeringen | - | - | 16 407 | - | - | -16 407 | - | - | - |
| Effect van bedrijfs | |||||||||
| combinatie met Pirelli | - | - | 227 | - | - | -227 | - | 1 732 | 1 732 |
| Effect van bedrijfs | |||||||||
| combinatie met Arrium | - | - | - | - | - | - | - | -7 086 | -7 086 |
| Effect van herschikking | |||||||||
| Ropes portefeuille met | |||||||||
| Chileense partners3 | - | - | -16 972 | - | -1 364 | -126 | -18 462 | -71 223 | -89 685 |
| Effect van aankoop | |||||||||
| minderheidsbelangen4 | - | - | -10 712 | - | -654 | 4 | -11 362 | -6 609 | -17 971 |
| Overige wijzigingen in | |||||||||
| Groepstructuur | - | - | 548 | - | -341 | 1 | 208 | -1 967 | -1 759 |
| In eigenvermogens | |||||||||
| instrumenten | |||||||||
| afgewikkelde, op aandelen | |||||||||
| gebaseerde betalingen | - | - | - | - | - | 2 906 | 2 906 | - | 2 906 |
| Uitgifte nieuwe aandelen | 43 | 191 | - | - | - | - | 234 | - | 234 |
| Transacties eigen | |||||||||
| aandelen | - | - | - | 1 206 | - | - | 1 206 | - | 1 206 |
| Dividenden | - | - | -48 006 | - | - | - | -48 006 | -7 391 | -55 397 |
| Saldo per | |||||||||
| 31 december 2015 | 176 957 | 31 884 | 1 397 356 | -144 747 | -30 450 | -46 301 | 1 384 699 | 131 212 | 1 515 911 |
1 Zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'.
2 Zie toelichting 6.14. 'Minderheidsbelangen'.
3 Heeft voornamelijk betrekking op de aankoop van 35% minderheidsbelangen van Matco Cables SpA in december 2015.
4 Omvat twee Chinese entiteiten: Bekaert Applied Material Technology (Shanghai) Co Ltd (waarin Baosteel Metal Company Ltd voorheen vennoot was) en Bekaert-Jiangyin Wire Products Co Ltd (waarin Jiangsu Fasten Stock Company Ltd voorheen vennoot was) en 5 entiteiten waarin Southern Steel Bhd voorheen vennoot was: Bekaert Ipoh Sdn Bhd (Maleisië), Bekaert Shah Alam Sdn Bhd (Maleisië), Bekaert Singapore Holding Pte Ltd (Singapore), Cempaka Raya Sdn Bhd (Maleisië) en PTE Bekaert Southern Wire (Indonesië).
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van dit overzicht.
| Toe | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december | lichting | 2014 | 2015 |
| Bedrijfsactiviteiten | |||
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 5.1. / 5.2. | 171 254 | 220 120 |
| Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in het bedrijfsresultaat | 7.1. | 187 847 | 246 239 |
| Investeringsposten verwerkt in het bedrijfsresultaat | 7.1. | -8 057 | -13 551 |
| Gebruikte bedragen van voorzieningen voor personeelsbeloningen | |||
| en overige voorzieningen | 7.1. | -44 452 | -40 807 |
| Betaalde winstbelastingen | 5.5. / 7.1. | -45 827 | -56 657 |
| Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 260 765 | 355 344 | |
| Wijzigingen in operationeel werkkapitaal | 6.7. | -54 623 | 212 266 |
| Overige bedrijfskasstromen | 7.1. | -19 193 | 15 952 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 186 949 | 583 562 | |
| Investeringsactiviteiten Nieuwe bedrijfscombinaties |
7.2. | -108 512 | -129 833 |
| Andere verwervingen van deelnemingen | 7.1. | -1 973 | -109 559 |
| Inkomsten uit verkoop van deelnemingen | 7.2. | 3 103 | 30 761 |
| Ontvangen dividenden | 6.4. | 20 724 | 18 411 |
| Investeringen in immateriële activa | 6.1. / 7.2. | -21 752 | -5 868 |
| Investeringen in materiële vaste activa | 6.3. | -132 784 | -170 702 |
| Overige investeringskasstromen | 7.1. | 15 847 | 3 806 |
| Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten | -225 347 | -362 984 | |
| Financieringsactiviteiten | |||
| Ontvangen rente | 5.3. | 5 338 | 7 320 |
| Betaalde rente | 5.3. | -61 069 | -64 302 |
| Betaalde brutodividenden aan aandeelhouders van NV Bekaert SA | -49 650 | -48 006 | |
| Betaalde brutodividenden aan minderheidsbelangen | -16 746 | -7 560 | |
| Inkomsten uit rentedragende schulden op meer dan een jaar | 6.17. | 343 960 | 145 151 |
| Aflossing van rentedragende schulden op meer dan een jaar | 6.17. | -191 172 | -127 945 |
| Kasstromen m.b.t. rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | 6.17. | 147 605 | -184 093 |
| Transacties eigen aandelen | 6.13. | -72 102 | 1 206 |
| Overige financieringskasstromen | 7.1. | -18 219 | 10 421 |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten | 87 945 | -267 808 | |
| Toename of afname (-) in geldmiddelen en kasequivalenten | 49 547 | -47 230 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - begin van de periode | 391 857 | 458 542 | |
| Effect van wisselkoersfluctuaties | 17 138 | -9 541 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - einde van de periode | 458 542 | 401 771 |
De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van dit overzicht.
NV Bekaert SA (de 'onderneming') is een onderneming die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de onderneming omvat de onderneming en haar dochterondernemingen (samen verder de 'Groep' of 'Bekaert' genoemd) en het belang van de Groep in joint ventures en geassocieerde ondernemingen gewaardeerd volgens de equity-methode. De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur van de onderneming vrijgegeven voor publicatie op 23 maart 2016.
De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie. Deze jaarrekening is ook in overeenstemming met de IFRS-standaarden zoals gepubliceerd door de IASB.
Volgende herziene standaarden werden van kracht gedurende de huidige verslagperiode. De toepassing ervan had geen impact op de gerapporteerde bedragen in deze jaarrekening, maar kan een impact hebben op toekomstige transacties of overeenkomsten.
betalingen', definitie van toezeggingsvoorwaarden; IFRS 3 'Bedrijfscombinaties', verduidelijking hoe een kostprijsaanpassing van een bedrijfscombinatie die afhankelijk is van toekomstige gebeurtenissen dient verwerkt; IFRS 8 'Operationele segmenten', verduidelijking wanneer operationele segmenten mogen geaggregeerd worden en hoe het totaal van de activa van te rapporteren segmenten dient aangesloten met de activa van de entiteit; IFRS 13 'Waardering tegen reële waarde', verduidelijkingen inzake kortetermijnvorderingen en –verplichtingen; IAS 16 'Materiële vaste activa', verduidelijking van de proportionele herwerking van gecumuleerde afschrijvingen wanneer de herwaarderingsmethode toegepast wordt; IAS 24 'Informatieverschaffing over verbonden partijen', definitie van key management personeel; en IAS 38 'Immateriële vaste activa', verduidelijking van de proportionele herwerking van gecumuleerde afschrijvingen wanneer de herwaarderingsmethode toegepast wordt.
De Groep heeft niet geopteerd voor vervroegde toepassing van volgende nieuwe of gewijzigde standaarden, waarvan de toepassing een impact zou kunnen hebben:
disconteringsvoet. Laatstgenoemde aanpassing stelt dat, voor valuta's waarin er geen ruim marktaanbod is van hoogwaardige bedrijfsobligaties, de te gebruiken disconteringsvoet voor verplichtingen uit vergoedingen na uitdiensttreding moet gebaseerd worden op marktrendementen op overheidsobligaties uitgedrukt in die valuta. Tevens vereist zij dat dit principe toegepast wordt vanaf het begin van de vroegste vergelijkende periode in de eerste jaarrekening waarin de entiteit deze aanpassing toepast. Bekaert heeft beslist om deze aanpassing aan IAS 19 niet vervroegd toe te passen in deze jaarrekeningen, omdat dit punt nog altijd ter discussie staat. Bekaert verwacht een initiële aanpassing aan het eigen vermogen van ongeveer € -5,7 miljoen (op basis van gegevens per jaareinde 2014) bij eerste toepassing van deze aanpassing, die voornamelijk van invloed zal zijn op de toegezegdpensioenregelingen in Ecuador.
verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten.
Verwacht wordt dat de overige nieuwe of gewijzigde standaarden en interpretaties die na 2015 van kracht worden geen belangrijke effecten op de jaarrekening zullen sorteren.
De geconsolideerde rekeningen worden voorgesteld in duizend euro, op basis van de historische kostprijsmethode, behalve voor deelnemingen aangehouden voor handelsdoeleinden en beschikbaar voor verkoop, die tegen reële waarde worden opgenomen. Financiële activa waarvoor geen prijsnotering voorhanden is in een actieve markt en waarvan de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan bepaald worden, worden tegen historische kostprijs gewaardeerd. Tenzij anders vermeld, werden de grondslagen voor financiële verslaggeving consistent met het vorig boekjaar toegepast.
Dochterondernemingen zijn entiteiten waarover NV Bekaert SA een beslissende invloed ('zeggenschap') uitoefent. Dit is het geval wanneer NV Bekaert SA blootgesteld is aan, of recht heeft op, variabele opbrengsten uit haar deelneming in de entiteit en de mogelijkheid heeft om deze opbrengsten te beïnvloeden door haar macht over de entiteit. De jaarrekeningen van dochterondernemingen worden in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap. Alle intragroepsverrichtingen, intragroepssaldi en nietgerealiseerde winsten op intragroepsverrichtingen worden geëlimineerd; niet-gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd tenzij het om permanente waardeverminderingen gaat. Het deel van het eigen vermogen en van het resultaat dat toewijsbaar is aan de minderheidsaandeelhouders wordt afzonderlijk vermeld in de balans, respectievelijk de winst-en-verliesrekening. Wijzigingen in het aandeelhouderschap van de Groep in dochterondernemingen waarbij de Groep de zeggenschap niet verliest, worden verwerkt als eigenvermogentransacties. Daarbij worden de nettoboekwaardes van de Groepsbelangen en van minderheidsbelangen aangepast aan de gewijzigde participatieverhoudingen in deze dochterondernemingen. Verschillen tussen de aanpassing van de minderheidsbelangen en de reële waarde van de betaalde of ontvangen overnamevergoeding worden rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen. Wanneer de Groep de zeggenschap in een dochteronderneming verliest, wordt de winst of het verlies op de afstoting bepaald als het verschil tussen:
Er is sprake van een gezamenlijke overeenkomst wanneer NV Bekaert SA contractueel overeengekomen is om de zeggenschap te delen met een of meerdere partijen, wat enkel het geval is wanneer beslissingen over de relevante activiteiten de unanieme goedkeuring vereisen van de partijen die gezamenlijke zeggenschap hebben. Een gezamenlijke overeenkomst kan behandeld worden als een gezamenlijke activiteit (wanneer NV Bekaert SA rechten heeft op de activa en verbintenissen voor de verplichtingen) of als een gezamenlijke entiteit / joint venture (wanneer NV Bekaert SA enkel recht heeft op het nettoactief). Geassocieerde ondernemingen zijn ondernemingen waarin NV Bekaert SA, rechtstreeks of onrechtstreeks, een invloed van betekenis heeft en die geen dochterondernemingen of gezamenlijke overeenkomsten zijn. Dit is verondersteld het geval te zijn indien de Groep tenminste 20% van de stemrechten verbonden met de aandelen bezit. De opgenomen financiële informatie met betrekking tot deze ondernemingen is opgesteld volgens de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep. Wanneer de Groep gezamenlijke zeggenschap in een joint venture verwerft of een invloed van betekenis in een geassocieerde onderneming verwerft, wordt het aandeel in de verworven activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen initieel geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum en verwerkt volgens de equity-methode. Indien de overnamevergoeding meer bedraagt dan de reële waarde van het verworven aandeel in de overgenomen activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen wordt dit verschil als goodwill opgenomen. Is de aldus berekende goodwill negatief, dan wordt dit verschil onmiddellijk in het resultaat verwerkt. Daarna wordt het aandeel van de Groep in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen overeenkomstig de equity-methode in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen tot de dag dat er een einde komt aan de gezamenlijke zeggenschap of de invloed van betekenis. Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen van een joint venture of geassocieerde onderneming groter wordt dan de boekwaarde van de deelneming, wordt de boekwaarde op nul gezet en worden bijkomende verliezen enkel nog opgenomen in de mate dat de Groep bijkomende verplichtingen op zich genomen heeft. Nietgerealiseerde winsten uit transacties met joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden geëlimineerd ten belope van het belang van de Groep tegenover de deelneming in de joint venture of de geassocieerde onderneming. De nettoboekwaarde van deelnemingen in joint ventures en
geassocieerde ondernemingen wordt opnieuw geëvalueerd indien er indicaties zijn van een bijzondere waardevermindering, of indicaties dat eerder opgenomen bijzondere waardeverminderingen niet langer gerechtvaardigd zijn. De deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen in de balans omvatten ook de boekwaarde van gerelateerde goodwill.
Elementen uit de jaarrekening van elk van de Groepsentiteiten worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit werkt (de 'functionele valuta'). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, de functionele valuta van de onderneming en tevens de presentatievaluta van de Groep. De jaarrekeningen van buitenlandse dochterondernemingen worden als volgt omgerekend:
Wisselkoersverschillen die ontstaan bij de omrekening van de nettoinvestering in buitenlandse dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen tegen de slotkoers worden in het eigen vermogen opgenomen onder 'Gecumuleerde omrekeningsverschillen'. Bij verkoop van buitenlandse entiteiten worden de betreffende gecumuleerde omrekeningsverschillen opgenomen in de winst-en-verliesrekening als deel van de gerealiseerde meer- of minwaarde op de verkoop. In de jaarrekening van de moedervennootschap en haar dochterondernemingen worden alle monetaire activa en verplichtingen in vreemde valuta omgerekend tegen de wisselkoers op de balansdatum, wat aanleiding geeft tot nietgerealiseerde wisselresultaten. Alle gerealiseerde en niet-gerealiseerde koerswinsten en -verliezen worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen, behalve wanneer zij opgespaard worden in het eigen vermogen als in aanmerking komende kasstroomafdekkingen en afdekkingen van nettoinvesteringen. Goodwill wordt beschouwd als een actief van de overgenomen partij en wordt daarom verwerkt in de valuta van de overgenomen partij en omgerekend tegen de slotkoers.
Immateriële activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde; afzonderlijk verworven immateriële activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Na hun initiële opname worden immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs of reële waarde verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Immateriële activa worden lineair afgeschreven over hun naar best vermogen geschatte gebruiksduur. De afschrijvingsduur en -methode worden elk jaar opnieuw geëvalueerd bij afsluiting van het boekjaar. Een wijziging in de gebruiksduur van een immaterieel actief wordt prospectief verwerkt als een schattingswijziging. Volgens de bepalingen van IAS 38 kunnen immateriële activa een onbepaalde gebruiksduur hebben. Indien de gebruiksduur van een immaterieel actief niet kan worden bepaald, wordt er geen afschrijving opgenomen en wordt het actief minstens jaarlijks geëvalueerd met het oog op een bijzondere waardevermindering.
Uitgaven voor aangekochte licenties, patenten, handelsmerken en soortgelijke rechten worden geactiveerd en lineair afgeschreven over de contractuele looptijd, indien van toepassing, of over de geschatte gebruiksduur, die gewoonlijk ingeschat wordt op hoogstens 10 jaar.
Uitgaven met betrekking tot aankoop, ontwikkeling of onderhoud van computersoftware worden over het algemeen ten laste van het resultaat genomen op het ogenblik dat ze zich voordoen. Alleen externe uitgaven die rechtstreeks verband houden met de aankoop en implementatie van aangekochte ERP-software worden als immateriële activa opgenomen en lineair afgeschreven over 5 jaar.
Het gebruiksrecht van terreinen wordt opgenomen als immaterieel actief en lineair afgeschreven over de contractuele periode.
Uitgaven voor onderzoeksactiviteiten met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis of inzichten worden als kosten in de winst-en-verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen.
Uitgaven voor ontwikkelingsactiviteiten, waarbij onderzoeksresultaten toegepast worden in een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen voorafgaand aan commerciële productie of ingebruikname, worden alleen opgenomen in de
balans als aan alle onderstaande voorwaarden is voldaan:
Geactiveerde ontwikkelingskosten worden lineair afgeschreven vanaf de start van de commerciële productie van het product over de verwachte duur van de gegenereerde voordelen. De afschrijvingsduur is normaliter hoogstens tien jaar. Een lopend onderzoeks- en ontwikkelingsproject verworven in een bedrijfscombinatie wordt afzonderlijk van goodwill geactiveerd als zijn reële waarde betrouwbaar kan bepaald worden.
Bij gebrek aan IASB-standaarden en -interpretaties betreffende de administratieve verwerking van CO2 emissierechten, heeft de Groep de 'nettobenadering' gebruikt. Deze methode houdt in dat:
Overige immateriële activa bevatten voornamelijk klantenlijsten en andere immateriële commerciële activa, zoals merknamen, die afzonderlijk of bij een bedrijfscombinatie verworven werden. Deze worden lineair afgeschreven over hun geschatte gebruiksduur.
Overnames van bedrijven worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overgedragen overnamevergoeding in een bedrijfscombinatie wordt gewaardeerd tegen reële waarde, die berekend wordt als de som van de reële waardes op de overnamedatum van de activa afgestaan door de Groep, de verplichtingen opgenomen door de Groep tegenover de vorige eigenaars van de overgenomen activiteit en de participaties afgestaan door de Groep in ruil voor de zeggenschap in de overgenomen partij. Uitgaven in verband met de
overname worden opgenomen in het resultaat zodra ze zich voordoen.
De identificeerbare overgenomen activa en opgelopen verplichtingen worden opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum. Goodwill wordt bepaald als het verschil tussen:
(ii) het saldo van de identificeerbare overgenomen activa min de opgelopen verplichtingen op de overnamedatum. Indien dit verschil, na een grondige evaluatie, negatief blijkt ("negatieve goodwill"), dan wordt het onmiddellijk in het resultaat opgenomen als een opbrengst uit een voordelige aankoop.
Minderheidsbelangen worden initieel gewaardeerd ofwel tegen reële waarde ofwel tegen hun evenredig aandeel in de opgenomen waarde van de identificeerbare nettoactiva van de overgenomen partij. Deze waarderingskeuze kan transactie per transactie gemaakt worden. Wanneer de overnamevergoeding die de Groep verschuldigd is bij een bedrijfscombinatie voorwaardelijke vorderingen of verplichtingen omvat, wordt de voorwaardelijke vergoeding gewaardeerd tegen haar reële waarde op de overnamedatum en opgenomen in de overnamevergoeding voor de bedrijfscombinatie. Latere wijzigingen in reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding worden opgenomen in het resultaat.
Wanneer een bedrijfscombinatie in fasen tot stand komt, wordt het belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum (d.i. de datum waarop de Groep de zeggenschap verwerft), en wordt de eventuele opbrengst of last opgenomen in het resultaat. Bedragen met betrekking tot belangen in de overgenomen partij vóór de overnamedatum die voorheen rechtstreeks opgenomen werden in het eigen vermogen, worden overgedragen naar de winst-en-verliesrekening indien dat ook van toepassing zou zijn bij afstoting van de betreffende belangen.
Voor het toetsen op bijzondere waardevermindering wordt goodwill toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden van de Groep waarvan verwacht wordt dat zij voordelen zullen halen uit de synergieën van de bedrijfscombinatie. Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen. Dit gebeurt ook tussentijds wanneer er aanwijzingen zijn dat de boekwaarde van de eenheid hoger zou kunnen zijn dan de realiseerbare waarde. Indien de realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid lager is dan haar boekwaarde, wordt de bijzondere waardevermindering eerst in mindering gebracht
van de boekwaarde van de goodwill die aan de kasstroomgenererende eenheid werd toegewezen. Daarna wordt de bijzondere waardevermindering toegewezen aan de andere vaste activa die tot de eenheid behoren, evenredig met hun boekwaarde. Wanneer een bijzondere waardevermindering voor goodwill eenmaal is opgenomen, wordt deze in een latere periode niet teruggenomen.
De Groep heeft geopteerd voor het historischekostprijsmodel en niet voor het herwaarderingsmodel. Afzonderlijk verworven materiële vaste activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Materiële vaste activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen hun reële waarde, die vanaf dan geldt als hun kostprijs. Na hun initiële opname worden materiële vaste activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat alle directe kosten en uitgaven die opgelopen werden om het actief op de locatie en in de staat te brengen die noodzakelijk is om op de beoogde wijze te functioneren. Financieringskosten die direct toewijsbaar zijn aan de verwerving, bouw of productie van een in aanmerking komend actief worden geactiveerd als deel van de kost van dat actief. Materiële vaste activa worden lineair afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur, naargelang van hun categorie.
De gebruiksduur en de afschrijvingsmethode worden minstens op het einde van elk boekjaar opnieuw geëvalueerd. Tenzij herzien ten gevolge van specifieke wijzigingen in de verwachte gebruiksduur, worden volgende jaarlijkse afschrijvingspercentages toegepast:
| - terreinen | 0% |
|---|---|
| - gebouwen | 5% |
| - installaties, machines | |
| en uitrusting | 8%-25% |
| - testapparatuur voor | |
| onderzoek en ontwikkeling | 16,7%-25% |
| - meubilair en rollend materieel | 20% |
| - computermaterieel | 25% |
Activa aangehouden via financiële lease worden afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur op dezelfde basis als activa in eigendom of – indien korter – over de relevante leaseperiode. Als de boekwaarde van een actief hoger is dan de geschatte realiseerbare waarde, wordt het onmiddellijk afgeschreven tot op de realiseerbare waarde (zie paragraaf over 'Bijzondere waardevermindering van activa'). Meer- en minwaarden bij de realisatie van vaste activa worden opgenomen in het bedrijfsresultaat.
Lease-overeenkomsten die aan de Groep vrijwel alle aan de eigendom van een actief verbonden
risico's en voordelen overdragen, worden geclassificeerd als financiële lease. Materiële vaste activa verworven via een financiële lease worden in de balans opgenomen tegen hun reële waarde bij de aanvang van de lease-overeenkomst, of – indien deze lager is – tegen de contante waarde van de minimale leasebetalingen op het tijdstip van het aangaan van de lease-overeenkomst, verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De disconteringsvoet die gebruikt wordt bij de berekening van de contante waarde van de minimale leasebetalingen is de impliciete rentevoet van de lease-overeenkomst. Als deze niet kan achterhaald worden, wordt de marginale rentevoet van de onderneming gebruikt. Initiële directe kosten worden mee geactiveerd. Leasebetalingen worden opgesplitst in rentelasten en aflossingen van de uitstaande verplichting. Gedurende de leaseperiode worden de rentelasten aan elke periode toegerekend op een manier die resulteert in een constante periodieke rentevoet op het resterende saldo van de verplichting voor elke periode. Een financiële lease-overeenkomst geeft aanleiding tot zowel een afschrijvingslast voor het actief als een rentelast in elke periode. De afschrijvingsregels voor geleasede activa zijn consistent met deze voor activa in eigendom.
Lease-overeenkomsten waarbij alle wezenlijke risico's en voordelen inherent aan de eigendom bij de leasinggever berusten worden als operationele lease-overeenkomsten geclassificeerd. Bij een operationele lease worden de leasebetalingen als kosten opgenomen en lineair gespreid over de leaseperiode. De totale waarde van de kortingen of voordelen toegestaan door de leasinggever wordt in mindering gebracht van de leasekosten en lineair gespreid over de leaseperiode. Inrichtingskosten van gebouwen onder operationele lease worden afgeschreven over de geschatte gebruiksduur of – indien korter – over de relevante leaseperiode.
Investeringssubsidies met betrekking tot de aankoop van materiële vaste activa worden in mindering gebracht van de kostprijs van deze activa. Zij worden in de balans opgenomen tegen hun verwachte waarde op het ogenblik van de initiële goedkeuring en – indien nodig – achteraf gecorrigeerd bij de definitieve toekenning. De subsidie wordt afgeschreven over dezelfde periode als de materiële vaste activa waarvoor de subsidie werd verkregen.
De Groep classificeert zijn financiële activa in volgende categorieën: tegen reële waarde via het resultaat, leningen en vorderingen en beschikbaar voor verkoop. De classificatie hangt af van de bedoeling waarmee de financiële activa werden aangeschaft. Het management legt de classificatie van financiële activa vast bij hun initiële opname.
Financiële activa worden geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat als ze aangehouden worden voor handelsdoeleinden. Financiële activa tegen RWVR worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende baten of lasten in het resultaat opgenomen worden. Een financieel actief wordt in deze categorie ondergebracht als het voornamelijk aangeschaft werd om het op korte termijn te verkopen. Derivaten behoren ook tot de categorie tegen RWVR, tenzij ze aangemerkt werden en effectief zijn als afdekking.
Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële instrumenten met vaste of bepaalbare betalingen die niet genoteerd worden in een actieve markt. Tot de categorie leningen en vorderingen van de Groep behoren – tenzij anders vermeld – volgende balanselementen: handelsvorderingen en overige vorderingen, ontvangen bankwissels, geldbeleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten. Leningen en vorderingen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode, na aftrek van bijzondere waardeverminderingen.
Betaling door middel van bankwissels is een wijdverbreide praktijk in China. Ontvangen bankwissels worden ofwel geïnd op de vervaldag, ofwel verdisconteerd voor de vervaldag, ofwel doorgegeven aan een leverancier als betaling van een schuld. Verdisconteren gebeurt ofwel met, ofwel zonder verhaal. Met verhaal betekent dat de verdisconterende bank terugbetaling kan eisen indien de uitgever zijn verplichting niet nakomt. Wanneer een bankwissel verdisconteerd wordt met verhaal, wordt het ontvangen bedrag niet afgeboekt van de uitstaande ontvangen bankwissels, maar wordt een verplichting opgezet onder 'rentedragende schulden op ten hoogste een jaar' tot de vervaldag van de wissel.
Kasequivalenten en geldbeleggingen zijn kortlopende beleggingen die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen waarvan het bedrag gekend is. Zij houden geen significant risico op waardeverandering in. Kasequivalenten zijn in hoge mate liquide en hebben een oorspronkelijke looptijd van hoogstens drie maanden, terwijl geldbeleggingen een oorspronkelijke looptijd van meer dan drie maanden en ten hoogste een jaar hebben.
Vaste activa beschikbaar voor verkoop omvatten deelnemingen in entiteiten die niet in de eerste plaats aangeschaft werden om ze op korte termijn te verkopen, en die noch integraal, noch volgens de equity-methode geconsolideerd worden. Activa in deze categorie worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende baten en lasten rechtstreeks in het eigen vermogen worden opgenomen. Bij een bijzondere waardevermindering wordt het gecumuleerd verlies overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening. Zij worden echter tegen kostprijs gewaardeerd als er geen prijsnotering in een actieve markt voorhanden is en als hun reële waarde niet op een betrouwbare manier bepaald kan worden met behulp van alternatieve waarderingsmethoden.
Financiële activa, behalve deze tegen RWVR, worden getoetst op bijzondere waardevermindering wanneer er hiervoor objectieve aanwijzingen zijn. Een aanzienlijke of langdurige daling van de reële waarde van een belegging in een eigenvermogensinstrument beneden de kostprijs vormt een objectieve aanwijzing voor een bijzondere waardevermindering. De Groep beschouwt elke daling van meer dan 30% beneden de kostprijs als aanzienlijk en elke daling die langer dan een jaar aanhoudt als langdurig. Wanneer een daling in reële waarde van een financieel actief beschikbaar voor verkoop in andere elementen van het resultaat werd opgenomen en er objectieve aanwijzingen zijn van bijzondere waardevermindering van het actief, wordt het gecumuleerd verlies dat opgenomen werd in andere elementen van het resultaat geherclassificeerd van eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening als een bijzondere waardevermindering. Voor handelsvorderingen en ontvangen bankwissels worden oninbaar geachte bedragen op elke balansdatum afgeschreven tegenover de betreffende provisierekening. Zowel toevoegingen aan deze provisierekening als terugnames worden gerapporteerd onder 'commerciële kosten' in de winst-en-verliesrekening.
Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen opbrengstwaarde indien deze lager is. De kostprijs wordt bepaald volgens de FIFO-methode (first-in, first-out). Van geproduceerde voorraden omvat de kostprijs alle directe en indirecte productiekosten die nodig zijn om de goederen tot hun afwerkingsstadium op balansdatum te brengen. De opbrengstwaarde staat gelijk met de geschatte verkoopprijs in normale marktomstandigheden, verminderd met de kosten die nodig zijn voor afwerking en verkoop.
Bij inkoop van eigen aandelen wordt de aanschaffingsprijs, samen met de direct toewijsbare transactiekosten, opgenomen als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden in de balans gerapporteerd als een vermindering van het eigen vermogen. Bij
annulering of verkoop van eigen aandelen wordt het transactieresultaat opgenomen in de overgedragen resultaten.
De minderheidsbelangen vertegenwoordigen het aandeel van de minderheidsaandeelhouders in het eigen vermogen van dochterondernemingen waarin de Groep niet de volle 100% bezit. Minderheidsbelangen worden op de overnamedatum gewaardeerd ofwel tegen hun reële waarde ofwel tegen het evenredig belang van de minderheidsaandeelhouders in de reële waarde van de opgenomen nettoactiva bij verwerving van een dochteronderneming (bedrijfscombinatie). Nadien wordt hun waarde aangepast voor hun evenredig deel in latere winsten of verliezen. De verliezen die toewijsbaar zijn aan minderheidsaandeelhouders in een geconsolideerde dochteronderneming kunnen groter zijn dan hun aandeel in het eigen vermogen van de dochteronderneming. Een evenredig deel van het volledig perioderesultaat wordt toegewezen aan de minderheidsbelangen, ook al wordt het saldo van de minderheidsbelangen daardoor negatief.
Voorzieningen worden opgenomen in de balans indien de Groep op balansdatum een wettelijke of feitelijke verplichting heeft als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, waarvoor het waarschijnlijk nodig zal zijn middelen te besteden die economische voordelen inhouden die op een betrouwbare manier geschat kunnen worden. Elke voorziening is gebaseerd op de beste schatting van de uitgave die nodig is om aan de bestaande verplichting te voldoen op de balansdatum. Indien aangewezen, worden voorzieningen verdisconteerd.
Een voorziening voor herstructurering wordt enkel opgenomen wanneer de Groep een gedetailleerd en formeel herstructureringsplan heeft goedgekeurd en de herstructurering ofwel werd aangevat, ofwel publiekelijk werd aangekondigd vóór balansdatum. Voorzieningen voor herstructurering omvatten enkel uitgaven die een rechtstreeks gevolg zijn van de herstructurering en geen verband houden met het voortzetten van de activiteiten van de entiteit.
Voorzieningen voor bodemsanering met betrekking tot vervuilde terreinen worden opgenomen overeenkomstig het door de Groep gepubliceerde milieubeleid en de vigerende wettelijke bepalingen.
De moedervennootschap en verschillende van haar dochterondernemingen voorzien in pensioen-, overlijdens- en gezondheidszorgregelingen ten
gunste van een belangrijk deel van hun werknemers.
De meeste pensioenregelingen zijn van het type 'toegezegd-pensioen', en de voordelen zijn afhankelijk van het aantal jaren dienst en het verloningsniveau. Bij toegezegdpensioenregelingen komt het in de balans opgenomen bedrag (de nettoverplichting of -vordering) overeen met de contante waarde van de brutoverplichting, verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De contante waarde van de brutoverplichting van een toegezegdpensioenregeling is de contante waarde, vóór aftrek van de fondsbeleggingen, van de verwachte toekomstige betalingen die vereist zijn om de verplichting af te wikkelen die resulteert uit het dienstverband van de werknemer in de lopende periode en in voorgaande perioden. Voor toegezegdpensioenregelingen worden de contante waarde van de brutoverplichting en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten en eventuele pensioenkosten van verstreken diensttijd berekend volgens de projected unit credit-methode. De disconteringsvoet komt overeen met het rendement op balansdatum op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een resterende looptijd die vergelijkbaar is met deze van de verplichtingen van de Groep. Wanneer de reële waarde van de fondsbeleggingen groter is dan de contante waarde van de brutoverplichting, wordt de op te nemen nettovordering begrensd tot een maximumbedrag (de asset ceiling). Het maximumbedrag komt overeen met de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen of verminderingen van toekomstige bijdragen tot de regeling. De nettorente op de nettoverplichting / nettovordering is gebaseerd op dezelfde disconteringsvoet. Actuariële winsten en verliezen omvatten ervaringsaanpassingen (de gevolgen van verschillen tussen de voorgaande actuariële veronderstellingen en wat zich werkelijk voorgedaan heeft) en de gevolgen van wijzigingen in actuariële veronderstellingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd vertegenwoordigen de wijziging in de contante waarde van de brutoverplichting voor prestaties die in voorgaande perioden door werknemers zijn verricht, en die in de verslagperiode resulteren uit planwijzigingen of inperkingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk opgenomen via het resultaat. Herwaarderingen van de nettoverplichting (vordering) omvatten (a) actuariële winsten en verliezen, (b) het rendement op de fondsbeleggingen, na aftrek van de bedragen die opgenomen werden in de nettorente op de nettoverplichting (vordering) en (c) wijzigingen in het effect van de asset ceiling, na aftrek van bedragen die al vervat zitten in de nettorente op de nettoverplichting (vordering). Herwaarderingen worden onmiddellijk opgenomen via het eigen vermogen. Een afwikkeling is een transactie die alle verdere wettelijke of feitelijke verplichtingen wegneemt voor alle voordelen of een gedeelte van de voordelen voorzien door de toegezegdpensioenregeling, voor zover het niet gaat om een uitkering van voordelen aan, of in naam van, werknemers die beschreven is in de beschikkingen van de regeling en vervat zit in de actuariële veronderstellingen. In de winst-en-verliesrekening worden de pensioenkosten zowel van het dienstjaar als van verstreken diensttijd, met inbegrip van winsten of verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT), terwijl de nettorente op de nettoverplichting (vordering) in de rentelasten wordt opgenomen, als rentegedeelte van rentedragende voorzieningen. Brugpensioenregelingen in België en gezondheids-
zorgregelingen in de Verenigde Staten worden ook verwerkt als toegezegdpensioenregelingen.
Verplichtingen aangaande bijdragen tot toegezegdebijdragenregelingen worden ten laste van de winst-en-verliesrekening genomen op het ogenblik dat zij ontstaan. In België legt de Belgische pensioenwetgeving een minimumrendement op. Daarom zijn deze plannen te beschouwen als toegezegdpensioenregelingen. Tot voor 2015 werden toegezegdebijdragenregelingen in België in wezen verwerkt als toegezegdebijdragenregelingen. De nieuwe wetgeving die van kracht werd in december 2015 bracht de verplichte kwalificatie als toegezegdpensioenregeling met zich, alsook de opname van een nettoverplichting.
Andere langetermijnpersoneelsbeloningen zoals jubileumpremies worden verwerkt volgens de projected unit credit-methode. De boekhoudkundige verwerking verschilt echter met die van de vergoedingen na uitdiensttreding, omdat actuariële winsten en verliezen onmiddellijk opgenomen worden via het resultaat.
De Groep kent op aandelen gebaseerde, in eigenvermogensinstrumenten en in geldmiddelen afgewikkelde betalingen toe aan bepaalde werknemers. De aandelenoptieplannen en prestatieaandelenplannen die werknemers van de Groep het recht toekennen om aandelen te verwerven van NV Bekaert SA zijn van het type 'in eigenvermogensinstrumenten afgewikkeld'.
Share appreciation rights zijn van het type 'in geldmiddelen afgewikkeld', omdat ze aan de werknemers van de Groep een bonus in geldmiddelen toekennen waarvan het bedrag afhankelijk is van de koers van het Bekaertaandeel op de Euronextbeurs.
In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum (zonder rekening te houden met het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden). De reële waarde op de toekenningsdatum van in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen wordt ten laste genomen van het resultaat met daartegenover een toename van het eigen vermogen. De reële waarde wordt lineair afgeschreven over de wachtperiode tot de definitieve toezegging, gebaseerd op het geschatte aantal aandelenopties dat uiteindelijk zal toegezegd worden, en aangepast voor het effect van nietmarktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden.
In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen als verplichtingen tegen hun reële waarde, die op elke balansdatum en op de datum van afwikkeling herbepaald wordt. Wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De Groep gebruikt een binomiaal model om de reële waarde van op aandelen gebaseerde betalingen te bepalen.
Rentedragende schulden omvatten financiële verplichtingen en leningen die initieel opgenomen worden tegen de reële waarde van de ontvangen geldmiddelen, na aftrek van transactiekosten. Later worden ze aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode. Verschillen tussen het ontvangen bedrag (na aftrek van transactiekosten) en het terug te betalen bedrag op de vervaldatum worden in de winst-enverliesrekening opgenomen tijdens de duur van de verplichting. Indien financiële verplichtingen afgedekt zijn met behulp van derivaten die als reëlewaardeafdekking worden aangemerkt, worden de afdekkingsinstrumenten gewaardeerd tegen reële waarde en wordt de waardering van de afgedekte posities aangepast voor reëlewaardewijzigingen ten gevolge van het afgedekte risico (zie grondslagen voor financiële verslaggeving over derivaten en afdekking).
Handelsschulden en overige vlottende verplichtingen – met uitzondering van derivaten – worden gewaardeerd tegen kostprijs, die overeenkomt met de reële waarde van de te betalen vergoeding.
Winstbelastingen worden ingedeeld in actuele en uitgestelde belastingen. Actuele belastingen omvatten de verwachte, over de verslagperiode verschuldigde belastingen en aanpassingen aan de belastingen van vorige jaren. Uitgestelde belastingen worden volgens de balansmethode berekend op tijdelijke verschillen tussen enerzijds de belastingbasis van activa en verplichtingen en anderzijds hun nettoboekwaarde. De voornaamste tijdelijke verschillen hebben betrekking op afschrijvingen van materiële vaste activa,
voorzieningen met betrekking tot pensioenen, brugpensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding, niet-uitgekeerde winsten en overgedragen aftrekbare verliezen. Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn op de belastbare winst in de periode waarin de tijdelijke verschillen gerealiseerd of afgerekend zullen worden, op basis van de belastingtarieven die wettelijk vastliggen of zo goed als vastgelegd zijn op de balansdatum. Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen in de mate dat het waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst zal gerealiseerd worden waartegen de tijdelijke verschillen afgezet kunnen worden; dit criterium wordt op elke balansdatum opnieuw geëvalueerd. Uitgestelde belastingen worden ook berekend voor tijdelijke verschillen op deelnemingen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, behalve in het geval dat de Groep kan beslissen over het tijdstip waarop het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt en het onwaarschijnlijk is dat het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt in de nabije toekomst.
De Groep gebruikt derivaten om valuta- en renterisico's af te dekken die voortvloeien uit bedrijfs-, financierings- en investeringsactiviteiten. Het nettorisico van alle dochterondernemingen van de Groep wordt centraal beheerd door de Groepsdienst Thesaurie in overeenstemming met de doelstellingen en regels die door het management vastgelegd werden. Het is de politiek van de Groep om geen speculatieve transacties of transacties met een hefboomeffect aan te gaan.
Derivaten worden initieel opgenomen en ook nadien gewaardeerd tegen reële waarde. De reële waarde van verhandelde derivaten is hun marktwaarde. Indien er geen marktwaarde beschikbaar is, wordt de reële waarde berekend op basis van gekende financiële waarderingsmodellen, gebaseerd op relevante marktkoersen op de balansdatum.
De Groep past hedge accounting toe in overeenstemming met IAS 39 om de volatiliteit in de winsten-verliesrekening te beperken. Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico wordt een onderscheid gemaakt tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten.
Reëlewaardeafdekkingen zijn afdekkingen van het risico van veranderingen in de reële waarde van opgenomen activa en verplichtingen. De derivaten die aangemerkt werden als reëlewaardeafdekkingen worden gewaardeerd tegen reële waarde, en de waardering van hun afgedekte posities (activa of verplichtingen) wordt aangepast voor wijzigingen in reële waarde ten gevolge van het afgedekte risico. De overeenkomstige veranderingen in reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening. Wanneer een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting stopgezet en
wordt de aanpassing aan de boekwaarde van het afgedekte rentedragende financieel instrument gradueel opgenomen in de winst-en-verliesrekening tot op de vervaldag van de afgedekte positie.
Kasstroomafdekkingen zijn afdekkingen van de variabiliteit van toekomstige kasstromen die verband houden met opgenomen activa of verplichtingen, zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transacties, of het valutarisico op nietopgenomen vaststaande toezeggingen. Veranderingen in de reële waarde van een afdekkingsinstrument dat voldoet als zeer effectieve kasstroomafdekking worden in het eigen vermogen opgenomen, meer bepaald in de afdekkingsreserve. Het niet-effectieve deel ervan wordt onmiddellijk in de winst-en-verliesrekening opgenomen. Ingeval de afgedekte kasstroom resulteert in de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting, worden de voorheen in het eigen vermogen opgenomen gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt uit het eigen vermogen en opgenomen in de initiële waardering van de kostprijs of de boekwaarde van het actief of de verplichting. Bij alle andere kasstroomafdekkingen worden de gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt van de afdekkingsreserve naar de winst-en-verliesrekening op het ogenblik dat de afgedekte vaststaande toezegging of de voorziene transactie resulteert in het opnemen van een winst of een verlies. Zodra een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting prospectief stopgezet. In dit geval blijven de gecumuleerde winsten en verliezen op het afdekkingsinstrument opgespaard in het eigen vermogen tot de toegezegde of voorziene transactie zich voordoet. Wanneer verwacht wordt dat een voorziene transactie zich niet meer zal voordoen, worden de gecumuleerde winsten en verliezen overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening.
Indien een netto-investering in een buitenlandse entiteit wordt afgedekt, worden alle winsten en verliezen met betrekking tot het effectieve deel van het afdekkingsinstrument, samen met de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van de afgedekte investering, onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen. Winsten en verliezen op het niet-effectieve deel worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De gecumuleerde winsten en verliezen als gevolg van de herwaardering van het afdekkingsinstrument die voorheen werden opgenomen in het eigen vermogen en de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van het afgedekte instrument worden enkel opgenomen in de winst-enverliesrekening bij afstoting van de investering.
Om te voldoen aan de vereisten in IAS 39 met het oog op de toepassing van hedge accounting, documenteert de Groep – bij het aangaan van de afdekking – de strategie en het doel van de afdekking, de relatie tussen het financieel instrument dat wordt gebruikt als afdekking en de afgedekte positie, en de verwachte (prospectieve) effectiviteit. De effectiviteit van bestaande
afdekkingen wordt elk kwartaal opnieuw beoordeeld. Voor niet-effectieve afdekkingen wordt de hedge accounting onmiddellijk stopgezet.
De Groep maakt ook gebruik van derivaten die niet voldoen aan de voorwaarden voor hedge accounting in IAS 39, maar als effectieve economische afdekkingen fungeren volgens het risicobeheer van de Groep. Wijzigingen in de reële waarde van dergelijke derivaten worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening.
Goodwill, immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, worden minstens jaarlijks getoetst op bijzondere waardevermindering. Andere materiële en immateriële vaste activa worden getoetst op bijzondere waardevermindering zodra bepaalde gebeurtenissen of gewijzigde omstandigheden erop wijzen dat hun boekwaarde misschien niet meer kan gerealiseerd worden. Een bijzondere waardevermindering wordt opgenomen in de winsten-verliesrekening wanneer en in de mate dat de boekwaarde van een actief hoger is dan zijn realiseerbare waarde (zijnde het hoogste van de reële waarde min verkoopkosten en de bedrijfswaarde). De reële waarde min verkoopkosten is de te verwachten opbrengst uit een niet-gedwongen verkoop van een actief tussen goed geïnformeerde, onafhankelijke partijen, verminderd met de verkoopkosten. De bedrijfswaarde is de contante waarde van de verwachte kasstromen uit het gebruik van een actief. Realiseerbare waarden worden geraamd voor individuele activa, of – indien dit niet mogelijk is – voor de kleinste kasstroomgenererende eenheid waartoe de activa behoren. Bijzondere waardeverminderingen opgenomen in vroegere boekjaren worden teruggenomen via de winst-en-verliesrekening wanneer er een aanwijzing is dat de vroeger opgenomen bijzondere waardeverminderingen weggevallen of gedaald zijn. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill worden echter nooit teruggenomen.
Opbrengsten worden opgenomen als het waarschijnlijk is dat de economische voordelen met betrekking tot een transactie naar de entiteit zullen vloeien en als het bedrag van de opbrengsten op een betrouwbare manier bepaald kan worden. Omzet wordt opgenomen na aftrek van omzetbelastingen en kortingen. Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden opgenomen als de levering en ook de volledige overdracht van risico's en voordelen plaatsgevonden heeft. Opbrengsten uit hoofde van onderhanden projecten in opdracht van derden worden opgenomen in verhouding tot het stadium van afwerking als ze op een
betrouwbare manier bepaald kunnen worden. Wanneer het resultaat van een onderhanden project in opdracht van derden niet op een betrouwbare manier geschat kan worden, worden enkel opbrengsten opgenomen ten belope van de kosten die waarschijnlijk gerecupereerd zullen worden. In de periode dat het vast komt te staan dat er een verlies zal ontstaan uit de afwerking van het contract, wordt het volledige bedrag van het geraamde finale verlies ten laste van de winst-enverliesrekening genomen. Er worden geen opbrengsten opgenomen in verband met ruiltransacties indien het gaat om een uitwisseling van gelijkaardige goederen of diensten. Rente wordt opgenomen op een tijdsbasis die het effectieve rendement op het actief weerspiegelt. Royalty's worden opgenomen op basis van het toerekeningsprincipe volgens de bepalingen van de overeenkomst. Dividenden worden opgenomen op het ogenblik dat het recht van de aandeelhouder op ontvangst vastgelegd is.
Bedrijfsopbrengsten en -kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afstoting van activiteiten, milieuvoorzieningen of andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben, worden gerapporteerd in de winsten-verliesrekening als eenmalige opbrengsten en kosten. Herstructureringsprogramma's omvatten voornamelijk ontslagvergoedingen, winsten en verliezen op verkoop en bijzondere waardeverminderingen van activa die betrokken zijn in een sluiting, belangrijke reorganisatie of delocatie van operaties. Indien niet verbonden met herstructureringsprogramma's, worden bijzondere waardeverminderingen enkel bestempeld als eenmalige kosten als zij het gevolg zijn van toetsen op kasstroomgenererende eenheden of van transfers binnen de Groep. Als eenmalige opbrengsten en kosten met betrekking tot bedrijfscombinaties gelden: negatieve goodwill, winsten en verliezen bij gefaseerde overname, en overboekingen van gecumuleerde omrekeningsverschillen op het belang dat voorheen aangehouden werd. Eenmalige opbrengsten en kosten met betrekking tot afgestoten activiteiten zijn winsten en verliezen op de afstoting van activiteiten die niet als beëindigde bedrijfsactiviteiten in aanmerking komen. Deze afgestoten activiteiten kunnen bestaan uit volledige, of onderdelen (groepen activa die worden afgestoten) van, dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Naast milieuprovisies bestaan de overige gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben voornamelijk uit rampen, verkopen van vastgoed en belangrijke rechtszaken. Bekaert is van mening dat de afzonderlijke presentatie van eenmalige opbrengsten en kosten essentieel is voor de lezers van de jaarrekening die vergelijkbare cijfers wensen te analyseren.
Het overzicht van het volledig perioderesultaat presenteert een overzicht van alle opbrengsten en kosten die opgenomen werden hetzij in de winst-enverliesrekening hetzij in het eigen vermogen. Volgens IAS 1 'Presentatie van de jaarrekening' kan een entiteit kiezen voor ofwel één enkel overzicht van het volledig perioderesultaat ofwel twee overzichten, namelijk een winst-en-verliesrekening onmiddellijk gevolgd door een overzicht van het volledig perioderesultaat. De Groep heeft voor de tweede mogelijkheid geopteerd. Als gevolg van de presentatie van een overzicht van het volledig perioderesultaat beperkt de inhoud van het mutatieoverzicht van het eigen vermogen zich tot wijzigingen die verband houden met het aandeelhouderschap.
Een vast actief, of een groep activa die wordt afgestoten, wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer de boekwaarde hoofdzakelijk gerealiseerd zal worden via een verkooptransactie eerder dan door het te blijven gebruiken. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop heel waarschijnlijk geacht wordt en als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) klaar is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat. Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van een entiteit die ofwel afgestoten is ofwel geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt en zowel operationeel als voor de financiële verslaggeving onderscheiden kan worden van de rest van de entiteit.
Er kan pas sprake zijn van een zeer waarschijnlijke verkoop als de entiteit zich verbonden heeft tot een plan voor de verkoop van het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) en als een operationeel plan opgestart is om een koper te vinden en het plan tot een goed einde te brengen. Bovendien moet de verkoop van het actief (of van de groep activa die wordt afgestoten) actief gepromoot worden tegen een redelijke prijs in verhouding tot zijn huidige reële waarde en dient de verkoopovereenkomst naar verwachting afgesloten te worden binnen het jaar na de classificatiedatum. Activa die geclassificeerd zijn als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen reële waarde na aftrek van verkoopkosten als deze lager is dan de boekwaarde. Een eventueel overschot van de boekwaarde tegenover de reële waarde na aftrek van verkoopkosten wordt afgeboekt als een bijzondere waardevermindering. Zodra activa geclassificeerd worden als aangehouden voor verkoop worden ze niet langer afgeschreven. Vergelijkende balansinformatie voor voorgaande perioden wordt niet herwerkt om de nieuwe classificatie in de balans te weerspiegelen.
Voorwaardelijke activa worden niet opgenomen in de balans, maar worden opgenomen in de toelichtingen wanneer een instroom van economische voordelen waarschijnlijk is. Tenzij zij uit een bedrijfscombinatie ontstaan zijn, worden voorwaardelijke verplichtingen niet opgenomen in de balans maar vermeld in de toelichtingen, tenzij de kans op een verlies gering is.
Gebeurtenissen na balansdatum die bijkomende informatie verschaffen omtrent de situatie van de onderneming op balansdatum (adjusting events) worden verwerkt in de jaarrekening. Andere gebeurtenissen na balansdatum (non-adjusting events) worden enkel vermeld in de toelichtingen als ze belangrijk geacht worden.
Bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep is het management genoodzaakt om beoordelingen, schattingen en veronderstellingen over de boekwaarde van activa en verplichtingen te maken die niet onmiddellijk beschikbaar zijn uit enigerlei bronnen. Deze beoordelingen, schattingen en veronderstellingen worden voortdurend opnieuw geëvalueerd.
Hierna volgen de cruciale beoordelingen, met uitzondering van deze die bestaan uit schattingen (zie toelichting 3.2. 'Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden') die een belangrijke invloed hebben op de gerapporteerde bedragen in deze geconsolideerde jaarrekening.
de economische wisselkoers, in combinatie met inflatieboekhouding, achtte het management dit de beste keuze om een realistisch beeld van de bijdrage van de Venezolaanse operaties tot de geconsolideerde jaarrekening weer te geven. Sinds de toepassing van de economische wisselkoers op de Venezolaanse operaties neemt het belang van hun bijdrage tot de geconsolideerde financiële cijfers steeds verder af. Ondanks de politieke en monetaire instabiliteit oordeelde het management dat er geen reden is om zijn Venezolaanse entiteiten te deconsolideren. Per jaareinde 2015 bedroegen de gecumuleerde omrekeningsverschillen € -42,3 miljoen die, bij verlies van de zeggenschap, zouden overgeboekt worden naar de winst-en-verliesrekening.
van betekenis meer kon uitoefenen in deze entiteiten en herklasseerde hen als deelnemingen beschikbaar voor verkoop.
Hierna volgt een overzicht van de belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en de belangrijkste andere bronnen van schattingsonzekerheden op het einde van de verslagperiode die een risico inhouden op beduidende aanpassingen aan de boekwaarden van activa en verplichtingen in de komende verslagperiode.
beste schattingen door het management op de balansdatum (zie toelichting 6.7. 'Operationeel werkkapitaal').
Bekaert Jaarverslag 2015 Financieel Overzicht 23
overgenomen partij opgenomen waren. Vaak worden interne maatstaven gebruikt voor het waarderen van specifieke productie-uitrusting. Bij elk van deze waarderingsmethoden worden assumpties gebruikt zoals verwachte toekomstige kasstromen, resterende gebruiksduur enz.
obligatie uitgegeven in juni 2014 en de put optie toegekend aan Maccaferri voor hun minderheidsbelangen in Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA.
De Groep maakt gebruik van een geografische segmentatie, aangezien dit de beste voorstelling is om de betrokkenen de aard en het financiële profiel van de activiteiten te laten evalueren en begrijpen op een transparante manier. De segmentatie reflecteert het belang van de regio's overeenkomstig de globale groeistrategie van de onderneming.
De regionale activiteiten van de onderneming worden typisch gekenmerkt door gemeenschappelijke cost drivers, een productassortiment dat gericht is op de behoeften van de regionale industrie en specifieke distributiekanalen. Zij onderscheiden zich duidelijk van elkaar op het vlak van politieke, economische en valutarisico's, in termen van geografische markttrends en groeipatronen. Deze segmentatie wint nog aan relevantie doordat de onderneming de overgrote meerderheid van haar producten verkoopt binnen de regio waar zij geproduceerd worden. In overeenstemming met IFRS 8 werden vier segmenten gedefinieerd die de aanwezigheid van de onderneming in de vier voornaamste regio's weerspiegelen:
Enkel de elementen van het kapitaalgebruik (immateriële activa, goodwill, materiële vaste activa en de elementen van het operationeel werkkapitaal) worden toegewezen aan de verscheidene segmenten. Alle andere activa en verplichtingen worden gerapporteerd als 'niet-toegewezen activa en verplichtingen'. 'Groep & Business support' omvat voornamelijk de functionele eenheid groepstechnologie en niet-doorgerekende kosten voor groepsmanagement en -diensten; het is geen rapporteerbaar segment op zich. De geografische segmentatie is gebaseerd op de lokalisatie van de Bekaert-entiteiten en niet op de lokalisatie van hun klanten. Omdat Bekaert als strategie heeft om zo dicht mogelijk bij de klanten te gaan produceren, worden de meeste klanten bediend door Bekaert-entiteiten in hun eigen regio. Eventuele verkopen tussen segmenten gebeuren tegen prijzen die beantwoorden aan het arm's length principe.
| Groep & | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2015 | Noord | Latijns | Pacifisch | Business | Sluit | Geconsoli | |
| in duizend € | EMEA | Amerika | Amerika | Azië | support | posten | deerd |
| Netto-omzet | 1 227 350 | 593 013 | 764 464 | 1 086 254 | - | - | 3 671 081 |
| Bedrijfsresultaat vóór eenmalige | |||||||
| opbrengsten en kosten (REBIT) | 138 963 | 19 604 | 45 799 | 82 275 | -68 770 | 5 018 | 222 889 |
| Eenmalige opbrengsten en | |||||||
| kosten | 5 974 | 13 612 | -593 | -11 363 | -10 399 | - | -2 769 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 144 937 | 33 216 | 45 206 | 70 912 | -79 169 | 5 018 | 220 120 |
| Afschrijvingen en | |||||||
| waardeverminderingen | 56 389 | 12 745 | 26 474 | 116 538 | 10 701 | -14 446 | 208 401 |
| Bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen | 89 | - | 426 | 12 809 | -62 | - | 13 262 |
| Negatieve goodwill | - | - | - | -340 | - | - | -340 |
| EBITDA | 201 415 | 45 961 | 72 106 | 199 919 | -68 530 | -9 428 | 441 443 |
| Activa van het segment | 883 520 | 334 539 | 582 091 | 1 269 072 | 148 149 | -183 544 | 3 033 827 |
| Niet-toegewezen activa | - | - | - | - | - | 847 292 | 847 292 |
| Totaal activa | 883 520 | 334 539 | 582 091 | 1 269 072 | 148 149 | 663 748 | 3 881 119 |
| Verplichtingen van het segment | 223 960 | 68 157 | 113 251 | 172 526 | 94 808 | -87 234 | 585 468 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | - | - | - | - | - | 1 779 740 | 1 779 740 |
| Totaal verplichtingen | 223 960 | 68 157 | 113 251 | 172 526 | 94 808 | 1 692 506 | 2 365 208 |
| Kapitaalgebruik | 659 560 | 266 382 | 468 840 | 1 096 546 | 53 341 | -96 310 | 2 448 359 |
| Gewogen gemiddeld | |||||||
| kapitaalgebruik | 687 933 | 248 822 | 486 344 | 1 149 190 | 68 523 | -108 536 | 2 532 276 |
| ROCE1 | 21.1% | 13.3% | 9.3% | 6.2% | - | - | 8.7% |
| Investeringsuitgaven materiële | |||||||
| vaste activa | 47 677 | 55 387 | 24 261 | 50 185 | 4 770 | -11 578 | 170 702 |
| Investeringsuitgaven | |||||||
| immateriële activa | 3 783 | 22 | 478 | 440 | 1 145 | - | 5 868 |
| Aandeel in het resultaat van joint | |||||||
| ventures en geassocieerde | |||||||
| ondernemingen | - | - | 24 268 | -5 948 | - | - | 18 320 |
| Deelnemingen in joint ventures | |||||||
| en geassocieerde | |||||||
| ondernemingen | - | - | 114 119 | - | - | - | 114 119 |
| Aantal medewerkers (einde | |||||||
| jaar)2 | 6 584 | 1 496 | 4 452 | 9 403 | 1 731 | - | 23 666 |
1 ROCE: Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gewogen gemiddeld kapitaalgebruik (Return on Capital Employed).
2 Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten.
| Groep & | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2014 | Noord | Latijns | Pacifisch | Business | Sluit | Geconsoli | |
| in duizend € | EMEA | Amerika | Amerika | Azië | support | posten | deerd |
| Netto-omzet | 1 063 846 | 554 698 | 631 287 | 965 883 | - | - | 3 215 714 |
| Bedrijfsresultaat vóór eenmalige | |||||||
| opbrengsten en kosten (REBIT) | 114 418 | 20 045 | 26 069 | 63 005 | -60 987 | 1 857 | 164 407 |
| Eenmalige opbrengsten en | |||||||
| kosten | 1 816 | 7 882 | 7 944 | -9 320 | -1 475 | - | 6 847 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 116 234 | 27 927 | 34 013 | 53 685 | -62 462 | 1 857 | 171 254 |
| Afschrijvingen en | |||||||
| waardeverminderingen | 43 883 | 9 476 | 16 739 | 93 906 | 14 545 | -13 938 | 164 611 |
| Bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen | 4 974 | 226 | - | 11 762 | - | - | 16 962 |
| Negatieve goodwill | - | - | -10 893 | - | - | - | -10 893 |
| EBITDA | 165 091 | 37 629 | 39 859 | 159 353 | -47 917 | -12 081 | 341 934 |
| Activa van het segment | 876 913 | 302 759 | 620 126 | 1 282 277 | 159 738 | -205 050 | 3 036 763 |
| Niet-toegewezen activa | - | - | - | - | - | 920 952 | 920 952 |
| Totaal activa | 876 913 | 302 759 | 620 126 | 1 282 277 | 159 738 | 715 902 | 3 957 715 |
| Verplichtingen van het segment | 210 683 | 68 607 | 111 746 | 143 744 | 76 165 | -98 166 | 512 779 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | - | - | - | - | - | 1 878 724 | 1 878 724 |
| Totaal verplichtingen | 210 683 | 68 607 | 111 746 | 143 744 | 76 165 | 1 780 558 | 2 391 503 |
| Kapitaalgebruik | 666 230 | 234 152 | 508 380 | 1 138 533 | 83 573 | -106 884 | 2 523 984 |
| Gewogen gemiddeld | |||||||
| kapitaalgebruik | 545 080 | 210 761 | 388 466 | 1 112 720 | 80 623 | -99 180 | 2 238 470 |
| ROCE1 | 21.3% | 13.3% | 8.8% | 4.8% | - | - | 7.7% |
| Investeringsuitgaven materiële | |||||||
| vaste activa | 33 421 | 26 196 | 31 779 | 51 190 | 3 987 | -13 789 | 132 784 |
| Investeringsuitgaven | |||||||
| immateriële activa | 33 237 | - | 1 987 | 1 882 | 846 | -16 200 | 21 752 |
| Aandeel in het resultaat van joint | |||||||
| ventures en geassocieerde | |||||||
| ondernemingen | - | - | 26 386 | -1 056 | - | - | 25 330 |
| Deelnemingen in joint ventures | |||||||
| en geassocieerde | |||||||
| ondernemingen | - | - | 144 697 | 11 037 | - | - | 155 734 |
| Aantal medewerkers (einde | |||||||
| jaar)2 | 6 162 | 1 606 | 4 739 | 9 849 | 1 771 | - | 24 127 |
1 ROCE: Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gewogen gemiddeld kapitaalgebruik (Return on Capital Employed).
2 Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten. De volgende tabel bevat bijkomende informatie omtrent de bedragen in de kolom 'Sluitposten' in de voorgaande tabel:
| Sluitposten | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | ||
| Materiële vaste activa | -11 873 | -10 642 |
| Voorraden | -208 | 1 214 |
| Intersegmentmarge-eliminaties | -12 081 | -9 428 |
| Immateriële activa | -6 | -6 |
| Materiële vaste activa | -13 932 | -14 440 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen m.b.t. intersegmentmarge-eliminaties | -13 938 | -14 446 |
| Immateriële activa | 6 | 6 |
| Materiële vaste activa | 2 059 | 3 798 |
| Voorraden | -208 | 1 214 |
| EBIT: intersegmentmarge-eliminaties na afschrijvingen en waardeverminderingen | 1 857 | 5 018 |
| Activa van het segment | ||
| Immateriële activa | -16 540 | -16 534 |
| Materiële vaste activa | -82 962 | -75 203 |
| Voorraden | -6 336 | -4 692 |
| Handelsvorderingen | -99 204 | -87 115 |
| Betaalde voorschotten | -8 | - |
| Intersegmenteliminaties op activa-elementen van kapitaalgebruik | -205 050 | -183 544 |
| Niet-toegewezen activa | ||
| Activa niet opgenomen in kapitaalgebruik | 920 952 | 847 292 |
| Verplichtingen van het segment | ||
| Handelsschulden | -98 158 | -87 115 |
| Ontvangen voorschotten | -8 | -119 |
| Intersegmenteliminaties op passiva-elementen van kapitaalgebruik | -98 166 | -87 234 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | ||
| Verplichtingen niet opgenomen in kapitaalgebruik | 1 878 724 | 1 779 740 |
| Kapitaalgebruik | ||
| Eliminaties op activa van het segment | -205 050 | -183 544 |
| - Eliminaties op verplichtingen van het segment | 98 166 | 87 234 |
| Intersegmenteliminaties op elementen van kapitaalgebruik | -106 884 | -96 310 |
| Investeringsuitgaven materiële vaste activa | ||
| Intersegmentmarge-eliminaties op materiële vaste activa | -13 789 | -11 578 |
| Aanpassingen op investeringsuitgaven materiële vaste activa | -13 789 | -11 578 |
| Investeringsuitgaven immateriële activa | ||
| Intersegmentmarge-eliminaties op immateriële activa | -16 200 | - |
| Aanpassingen op investeringsuitgaven immateriële activa | -16 200 | - |
| verschil | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | (%) |
| Netto-omzet | |||
| Rubberversterkingsproducten | 1 205 565 | 1 503 081 | 24,7% |
| Andere staaldraadproducten | 1 851 473 | 2 004 759 | 8,3% |
| Roestvaste producten | 143 494 | 153 257 | 6,8% |
| Overige | 15 182 | 9 984 | -34,2% |
| Totaal | 3 215 714 | 3 671 081 | 14,2% |
Rubberversterkingsproducten omvatten staalkoord voor banden, hieldraad en slangendraad. Andere staaldraadproducten omvatten industriële en gespecialiseerde staaldraden (met inbegrip van roestvrije draden), bouwproducten, staalkabels en zaagdraad. Roestvaste producten omvatten vezels en verbrandingstechnologieproducten voor verwarmings- en droogsystemen. In 2015 werden transportbandkoord en staalkoordweefsel verplaatst van rubberversterkingsproducten naar andere staaldraadproducten (staalkabels).
Alle productgroepen worden in alle segmenten verkocht. De productmix is vrij gelijklopend in EMEA en Noord-Amerika, terwijl in Pacifisch Azië rubberversterkingsproducten overheersen en in Latijns-Amerika andere staaldraadproducten het grootste deel van de activiteit uitmaken.
De tabel hieronder toont het relatief gewicht van België (land waar de onderneming is gevestigd), Chili, China, de Verenigde Staten en Slovakije in termen van omzet en vaste activa (immateriële activa, goodwill en materiële vaste activa).
| % van | % van | |||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | totaal | 2015 | totaal |
| Netto-omzet vanuit België | 290 236 | 9% | 326 590 | 9% |
| Netto-omzet vanuit Chili | 282 441 | 9% | 312 832 | 9% |
| Netto-omzet vanuit China | 680 904 | 21% | 746 433 | 20% |
| Netto-omzet vanuit de VS | 495 412 | 15% | 536 905 | 15% |
| Netto-omzet vanuit Slovakije | 263 140 | 8% | 276 089 | 8% |
| Netto-omzet vanuit andere landen | 1 203 581 | 38% | 1 472 232 | 39% |
| Totaal netto-omzet | 3 215 714 | 100% | 3 671 081 | 100% |
| Vaste activa gelokaliseerd in België | 108 678 | 7% | 114 319 | 7% |
| Vaste activa gelokaliseerd in Chili | 100 852 | 7% | 96 475 | 6% |
| Vaste activa gelokaliseerd in China | 581 896 | 38% | 568 863 | 35% |
| Vaste activa gelokaliseerd in de VS | 91 876 | 6% | 137 566 | 8% |
| Vaste activa gelokaliseerd in Slovakije | 156 345 | 10% | 151 732 | 9% |
| Vaste activa gelokaliseerd in andere landen | 509 726 | 32% | 566 646 | 35% |
| Totaal vaste activa | 1 549 373 | 100% | 1 635 601 | 100% |
| in duizend € | 2014 | 2015 | verschil |
|---|---|---|---|
| Omzet | 3 215 714 | 3 671 081 | 455 367 |
| Kostprijs van verkopen | -2 729 995 | -3 072 673 | -342 678 |
| Marge op omzet | 485 719 | 598 408 | 112 689 |
| Commerciële kosten | -138 126 | -156 106 | -17 980 |
| Administratieve kosten | -126 894 | -150 005 | -23 111 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -59 261 | -64 597 | -5 336 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 21 978 | 17 120 | -4 858 |
| Andere bedrijfskosten | -19 009 | -21 931 | -2 922 |
| Bedrijfsresultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) | 164 407 | 222 889 | 58 482 |
| Eenmalige opbrengsten en kosten | 6 847 | -2 769 | -9 616 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 171 254 | 220 120 | 48 866 |
| Omzet en marge op omzet | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | verschil (%) |
| Omzet | 3 215 714 | 3 671 081 | 14,2% |
| Kostprijs van verkopen | -2 729 995 | -3 072 673 | 12,6% |
| Marge op omzet | 485 719 | 598 408 | 23,2% |
| Marge op omzet in % van omzet | 15,1% | 16,3% |
Bekaert realiseerde een omzetgroei van 14,2% in vergelijking met vorig jaar. De netto-impact van de acquisities (integratie van de staalkoordfabrieken van Pirelli, Arrium's staalkabelfabrieken in Australia en de gefaseerde overname van BOSFA Pty Ltd) en de desinvesteringen (Carding Solutions activiteiten) van dit jaar verklaren 9,1% van de toename van de omzet. Gunstige wisselkoersresultaten (8,4%) (hoofdzakelijk gerelateerd aan CNY en USD) versterken de stijging nog. De organische groei van 1,5% was het resultaat van een positieve prijsmix (+3,8%), een geringe volumedaling (-1,3%) en prijserosie (-1,0%). De omzetgroei werd getemperd door de significant lagere grondstofprijzen (-4.7%) die werden verrekend aan onze klanten.
De marge op omzet steeg met 23,2% in vergelijking met 2014. Terwijl het grootste aandeel van deze positieve evolutie te danken is aan de bijdrage van de nieuw verworven activiteiten (+10,2%) en positieve wisselkoersresultaten (8,5%), bleven de organische activiteiten in EMEA positief bijdragen. De andere segmenten hadden ook een positieve bijdrage, maar dan in mindere mate.
| Overheadkosten | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | verschil (%) |
| Commerciële kosten | -138 126 | -156 106 | 13,0% |
| Administratieve kosten | -126 894 | -150 005 | 18,2% |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -59 261 | -64 597 | 9,0% |
| Totaal | -324 281 | -370 708 | 14,3% |
Naast de impact van de wisselkoersschommelingen heeft de toename van commerciële kosten voornamelijk te maken met de aangelegde provisies voor dubieuze debiteuren in 2015, terwijl dit niet het geval was in 2014. De administratieve kosten zijn toegenomen door de acquisities en de gemaakte kosten voor de gerealiseerde en de geanticipeerde acquisitietransacties. De kosten voor onderzoek en ontwikkeling zijn gestegen door de acquisities.
| Andere bedrijfsopbrengsten | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | verschil |
| Ontvangen royalty's | 10 189 | 9 227 | -962 |
| Winsten op verkoop van materiële en immateriële vaste activa | 478 | 610 | 132 |
| Gerealiseerde wisselresultaten op verkopen en aankopen | 2 146 | -950 | -3 096 |
| Overheidssubsidies | 5 084 | 415 | -4 669 |
| Diverse | 4 081 | 7 818 | 3 737 |
| Totaal | 21 978 | 17 120 | -4 858 |
Overheidssubsidies hebben voornamelijk betrekking op subsidies in China. Er zijn geen aanwijzingen dat er niet zal kunnen voldaan worden aan de voorwaarden voor deze subsidies en dus ook niet dat de subsidies mogelijk teruggestort moeten worden in de toekomst. 'Diverse' bevat de compensaties ontvangen voor klachten; deze zijn met € 1,6 miljoen toegenomen in 2015.
| Andere bedrijfskosten | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | verschil |
| Verliezen op verkoop van materiële en immateriële vaste activa | -1 597 | -1 970 | -373 |
| Afschrijvingen op immateriële vaste activa | -474 | -2 970 | -2 496 |
| Bankkosten | -2 475 | -3 019 | -544 |
| Aan belastingen gerelateerde kosten (andere dan winstbelastingen) | -3 112 | -2 705 | 407 |
| Diverse | -11 351 | -11 267 | 84 |
| Totaal | -19 009 | -21 931 | -2 922 |
De toename van de afschrijvingen van immateriële vaste activa is te wijten aan de immateriële vaste activa verworven bij de bedrijfscombinaties met Pirelli en Maccafferri.
| Eenmalige opbrengsten en kosten | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | verschil | |
| Herstructurering - bijzondere waardeverminderingen | (a) | -6 971 | -1 930 | 5 041 |
| Herstructurering - overige opbrengsten | (b) | 3 673 | 5 005 | 1 332 |
| Herstructurering - overige kosten | (b) | -6 289 | -24 863 | -18 574 |
| Overige bijzondere waardeverminderingen | (a) | -6 853 | -9 196 | -2 343 |
| Winsten bij verkoop van activiteiten | (c) | 310 | 16 553 | 16 243 |
| Verliezen bij verkoop van activiteiten | (c) | -1 474 | -3 292 | -1 818 |
| Winsten bij gefaseerde overnames | (c) | 1 804 | - | -1 804 |
| Verliezen bij gefaseerde overnames | (c) | - | -1 098 | -1 098 |
| Negatieve goodwill bij bedrijfscombinaties | (c) | 10 893 | 340 | -10 553 |
| Overige opbrengsten | (d) | 30 815 | 45 029 | 14 214 |
| Overige kosten | (d) | -19 061 | -29 317 | -10 256 |
| Totaal | 6 847 | -2 769 | -9 616 |
Eenmalige opbrengsten en kosten bedroegen € -2,8 miljoen in vergelijking met € +6,8 miljoen vorig jaar.
De onderstaande tabel levert bijkomende informatie over de toewijzing van de voornaamste componenten van het bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van de opbrengsten en kosten.
| in duizend € | 2014 | 2015 | ||
|---|---|---|---|---|
| Omzet | 3 215 714 | 100% | 3 671 081 | 100% |
| Eenmalige opbrengsten | 47 495 | - | 66 927 | - |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 21 978 | - | 17 120 | - |
| Totaal bedrijfsopbrengsten | 3 285 187 | - | 3 755 128 | - |
| Zelfgeproduceerde materiële vaste activa | 48 800 | 1,5% | 53 014 | 1,4% |
| Grondstoffen | -1 242 818 | -38,6% | -1 279 035 | -34,8% |
| Halfproducten en handelsgoederen | -246 866 | -7,7% | -256 000 | -7,0% |
| Voorraadwijziging goederen in bewerking en gereed product | 38 795 | 1,2% | -15 031 | -0,4% |
| Personeelskosten | -610 121 | -19,0% | -742 856 | -20,2% |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -164 610 | -5,1% | -208 401 | -5,7% |
| Bijzondere waardeverminderingen | -16 962 | -0,5% | -13 262 | -0,4% |
| Vervoer- en verhandelingskosten gereed product | -151 649 | -4,7% | -165 922 | -4,5% |
| Hulpstoffen en wisselstukken | -219 200 | -6,8% | -260 683 | -7,1% |
| Kosten voor nutsvoorzieningen | -219 001 | -6,8% | -264 203 | -7,2% |
| Onderhouds- en herstellingskosten | -52 430 | -1,6% | -60 260 | -1,6% |
| Uitgaven voor operationele leasing | -20 406 | -0,6% | -23 286 | -0,6% |
| Commissies in commerciële kosten | -3 414 | -0,1% | -3 690 | -0,1% |
| Douane en accijnzen | -28 842 | -0,9% | -30 428 | -0,8% |
| ICT-kosten | -25 074 | -0,8% | -29 595 | -0,8% |
| Reclame- en promotiekosten | -6 792 | -0,2% | -7 203 | -0,2% |
| Reis-, restaurant- en hotelkosten | -33 760 | -1,0% | -25 239 | -0,7% |
| Consultancy en overige honoraria | -25 725 | -0,8% | -40 456 | -1,1% |
| Kantoorbenodigdheden en -uitrusting | -11 425 | -0,4% | -12 863 | -0,4% |
| Durfkapitaalfondsen O&O | -982 | 0,0% | -1 819 | 0,0% |
| Tijdelijke of externe personeelskosten | -20 696 | -0,6% | -25 619 | -0,7% |
| Verzekeringskosten | -6 459 | -0,2% | -8 768 | -0,2% |
| Diverse bedrijfskosten | -94 296 | -2,9% | -113 403 | -3,1% |
| Totaal bedrijfskosten | -3 113 933 | -96,8% | -3 535 008 | -96,3% |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 171 254 | 5,3% | 220 120 | 6,0% |
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Renteopbrengsten van financiële activa niet geclassificeerd als tegen RWVR | 5 291 | 8 585 |
| Renteopbrengsten | 5 291 | 8 585 |
| Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als tegen RWVR | -54 801 | -55 864 |
| Overige schuldgerelateerde rentelasten | -7 336 | -8 123 |
| Rentelasten | -62 137 | -63 987 |
| Rentegedeelte van rentedragende voorzieningen | -6 078 | -6 954 |
| Rentelasten | -68 215 | -70 941 |
| Totaal | -62 924 | -62 356 |
De gemiddeld hogere financiële schulden werden gecompenseerd door de gemiddeld lagere rentevoeten. Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat (RWVR) hebben betrekking op alle schuldinstrumenten van de Groep, met uitzondering van afdekkingsinstrumenten en renterisicobeperkende derivaten aangemerkt als economische afdekkingen.
Het rentegedeelte van rentedragende voorzieningen heeft voornamelijk betrekking op de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen').
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Waardeaanpassingen van derivaten | -18 991 | 14 973 |
| Waardeaanpassingen van afgedekte posities | 4 829 | -2 424 |
| Wisselresultaten op afgedekte posities | 23 749 | -29 784 |
| Nettoimpact van derivaten en afgedekte posities | 9 587 | -17 235 |
| Overige wisselresultaten | -6 213 | -7 172 |
| Bijzondere waardeverminderingen op financiële activa beschikbaar voor verkoop | -157 | -302 |
| Effecten van inflatieboekhouden | 2 655 | 5 280 |
| Winsten & verliezen op verkoop van financiële vaste activa | - | -76 |
| Dividenden van niet-geconsolideerde deelnemingen | 147 | 742 |
| Bankkosten en heffingen op financiële transacties | -2 877 | -5 388 |
| Bijzondere waardeverminderingen en terugnemingen op leningen en overige vorderingen | -6 039 | -9 235 |
| Overige | -833 | -425 |
| Totaal | -3 730 | -33 811 |
Waardeaanpassingen omvatten de wijzigingen in reële waarde van alle derivaten die niet als kasstroomafdekkingen worden aangemerkt, alsook van schulden die afgedekt zijn door een reëlewaardeafdekking. In 2015 werd een reëlewaardewinst van € 2,1 miljoen opgenomen (2014: winst van € 13,4 miljoen) op de conversieoptie gerelateerd met de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2014 (zie de sectie 'Financiële instrumenten volgens de hiërarchie van reëlewaardebepalingen' in toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'). De hier getoonde nettoimpact van derivaten en afgedekte posities omvatten geen effecten die opgenomen werden in andere rubrieken van de winst-en-verliesrekening zoals rentelasten, kostprijs van verkopen of andere bedrijfsopbrengsten en –kosten. Voor meer details betreffende de nettoimpact van derivaten en afgedekte posities, zie toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
Effecten van inflatieboekhouden hebben betrekking op de Venezolaanse activiteiten. Er werd een bijzondere waardevermindering van € 9,2 miljoen geboekt op vorderingen van de Venezolaanse overheid (2014: € 5,7 miljoen). Bankkosten en heffingen op financiële transacties omvatten een zegelrecht van € 3,2 miljoen op de bedrijfscombinatie met Arrium (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten').
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Verschuldigde belastingen over het lopend jaar -57 142 |
-55 725 |
| Verschuldigde belastingen over de voorbije jaren -135 |
2 473 |
| Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in tijdelijke verschillen 15 570 |
16 518 |
| Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in belastingvoeten -669 |
347 |
| Totale belastinglast -42 376 |
-36 387 |
In onderstaande tabel wordt met winst vóór belastingen bedoeld: resultaat vóór belastingen.
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Winst vóór belastingen | 104 600 | 123 953 |
| Belastinglast op resultaten van fiscale entiteiten tegen de theoretische lokale | ||
| belastingvoet van de betrokken landen | -28 857 | -27 086 |
| Belastinglast op de uitkering van overgedragen winsten | -2 171 | -1 965 |
| Totale theoretische belastinglast1 | -31 028 | -29 051 |
| Theoretische belastingvoet | -29,7% | -23,4% |
| Belastingimpact van: | ||
| Fiscaal niet-aftrekbare uitgaven | -10 991 | -16 903 |
| Andere belastingvoeten en speciale belastingregimes | 4 766 | 139 |
| Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen 2 | -12 205 | -21 849 |
| Aanwending van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen 3 | 8 566 | 34 684 |
| Belastingen met betrekking tot voorgaande jaren | -8 687 | 2 473 |
| Fiscaal vrijgestelde inkomsten 4 | 4 589 | 2 432 |
| Overige 5 | 2 614 | -8 312 |
| Totale belastinglast | -42 376 | -36 387 |
| Werkelijke belastingvoet | -40,5% | -29,4% |
1 De theoretische belastingvoet wordt berekend als een gewogen gemiddelde. De daling in 2015 tegenover 2014 is voornamelijk het gevolg van hogere belastbare winsten in landen met lagere belastingvoeten.
2 Zowel in 2015 als in 2014 hebben niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen voornamelijk betrekking op verliezen in China, Maleisië en India.
3 Omvat in 2015 een effect ten belope van € 20,1 miljoen van een reorganisatie in afwachting van de Bridon Bekaert Ropes Group-transactie die belastbare winsten zal genereren in de nabije toekomst.
4 Houdt in 2015 hoofdzakelijk verband met de verkoop van de Carding Solutions-activiteiten en de deconsolidatie als gevolg van het verlies van de zeggenschap in Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd (voorheen een dochteronderneming) en van de gezamenlijke zeggenschap in Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd (voorheen een joint venture).
5 Omvat in 2015 € -5,0 miljoen belastingen in verband met een aandelenoverdracht binnen de Groep in Chili.
Ondank de kwakkelende economie wisten de Braziliaanse joint ventures vergelijkbare of zelfs betere bedrijfsresultaten neer te zetten dan het jaar daarvoor, maar uitgedrukt in euro kwamen ze lager uit door de substantiële ontwaarding van de real. Bijkomende financiële informatie met betrekking tot deze Braziliaanse joint ventures wordt verstrekt onder toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen'. Het getoonde resultaat van BOSFA voor 2015 slaat op de eerste vijf maanden van het jaar, omdat Bekaert de resterende belangen overgenomen heeft op 12 juni (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten').
Aangezien Bekaert op 1 april afstand deed van de zeggenschap in Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd en enkel een invloed van betekenis overhield, werd deze voormalige dochteronderneming vanaf die datum verwerkt volgens de equity-methode. Bovenop de recurrente bedrijfsverliezen noteerde deze entiteit nog eenmalige verliezen uit bijzondere waardeverminderingen op productie-uitrusting in het vierde kwartaal.
| in duizend € | 2014 | 2015 | |
|---|---|---|---|
| Joint ventures | |||
| BOSFA Pty Ltd | Australië | 183 | 43 |
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 26 754 | 21 725 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | -368 | 2 543 |
| Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd | China | - | -4 404 |
| Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd | China | -1 239 | -1 587 |
| Totaal | 25 330 | 18 320 |
| 2015 | Aantal | |
|---|---|---|
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) | 55 841 843 | |
| Verwateringseffect van uitgegeven warrants en opties | 218 834 | |
| Verwateringseffect van de converteerbare obligatielening uitgegeven in 2014 | - | |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) | 56 060 677 | |
| in duizend € | Basis berekening |
Na verwaterings effect |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep en aan de gewone aandeelhouders | 101 969 | 101 969 |
| Effect van de converteerbare obligatielening uitgegeven in 20141 | - | - |
| Winst | 101 969 | 101 969 |
| Winst per aandeel (in €) | 1,826 | 1,819 |
1 Niet te vermelden als het effect van de converteerbare obligatie antidilutief is, d.i. als het effect zodanig is dat het de winst per aandeel ratio zou verbeteren (zie onder).
De winst per aandeel (earnings per share, 'EPS') is het bedrag van de winst na belastingen toewijsbaar aan elk aandeel. De basisberekening van de winst per aandeel komt overeen met het resultaat van de periode toerekenbaar aan de Groep gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen gedurende het jaar. De winst per aandeel na verwateringseffect weerspiegelt de verplichtingen van de Groep tot het uitgeven van aandelen in de toekomst. Daartoe behoren warrants, opties en de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2014. Warrants en opties zijn slechts dilutief in de mate dat hun uitoefenprijs lager is dan de gemiddelde slotkoers van de periode. Het verwateringseffect van warrants en opties is beperkt tot het gewogen gemiddeld aantal aandelen gebruikt in de noemer van de EPS ratio; er is geen effect op het perioderesultaat dat opgenomen wordt in de teller van de EPS ratio. De converteerbare obligatielening heeft meestal een effect op zowel de noemer als de teller van de EPS ratio. Het verwateringseffect van de converteerbare obligatielening op de winst (te gebruiken in de noemer van de EPS ratio) bestaat uit het terugdraaien van alle opbrengsten en kosten in direct verband met de converteerbare obligatielening en die de 'basis'-winst voor de periode beïnvloed hebben. Volgende elementen van de winst-en-verliesrekening werden beïnvloed door de converteerbare obligatielening:
De converteerbare obligatielening was antidilutief in 2015 omdat de EPS ratio na verwatering erdoor zou verbeteren. Om de impact te berekenen, wordt verondersteld dat alle dilutieve warrants en opties worden uitgeoefend en dat ook de conversie-optie van de converteerbare obligatielening wordt uitgeoefend in zijn totaliteit bij het begin van de periode, of, als de instrumenten uitgegeven werden gedurende de periode, op uitgiftedatum. De kenmerken van de conversie-optie zijn van die aard dat enkel de verhoging van de aandelenprijs boven de conversieprijs converteerbaar is in aandelen, en dat Bekaert een call-optie heeft wanneer de aandelenprijs de conversieprijs met 32,5 % overstijgt. Het aantal aandelen dat kan geconverteerd worden, werd op die manier gelimiteerd tot 1 868 033. Bijgevolg werd door het management beslist om het maximum aantal aandelen (1 868 033) dat kan geconverteerd worden, terug in te kopen, om elk verwateringseffect uit de uitgifte van de converteerbare obligatielening tegen te gaan. Het terugkoopprogramma werd gestart in juni 2014 en was afgewerkt tegen eind september 2014.
| 2014 | Aantal | |
|---|---|---|
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) | 57 599 873 | |
| Verwateringseffect van uitgegeven warrants en opties | 274 966 | |
| Verwateringseffect van de converteerbare obligatielening uitgegeven in 20141 | 1 001 473 | |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) | 58 876 312 | |
| Basis berekening |
Na verwaterings effect |
|
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep en aan de gewone aandeelhouders (in duizend €) |
87 176 | 87 176 |
| Effect van de converteerbare obligatielening uitgegeven in 20141 | - | -8 668 |
| Winst | 87 176 | 78 508 |
| Winst per aandeel (in €) | 1,513 | 1,333 |
1 Niet te vermelden als het effect van de converteerbare obligatie antidilutief is, d.i. als het effect zodanig is dat het de winst per aandeel ratio zou verbeteren (zie onder).
De gewogen gemiddelde slotkoers tijdens 2015 was € 26,12 per aandeel (2014: € 27,15 per aandeel). De volgende opties en warrants hebben een uitoefenprijs die hoger lag dan de gewogen gemiddelde slotkoers en waren dus antidilutief tijdens de verslagperiode:
| Datum van | Uitoefenprijs | |||
|---|---|---|---|---|
| Niet-dilutieve instrumenten | toekenning | (in €) | Aantal toegekend | Aantal uitstaand |
| SOP2 - opties | 19.02.2007 | 30,175 | 37 500 | 10 000 |
| SOP2 - opties | 18.02.2008 | 28,335 | 43 500 | 19 500 |
| SOP2 - opties | 15.02.2010 | 33,990 | 49 500 | 49 500 |
| SOP 2005-2009 - warrants | 19.02.2007 | 30,175 | 153 810 | 9 670 |
| SOP 2005-2009 - warrants | 18.02.2008 | 28,335 | 229 200 | 118 850 |
| SOP 2005-2009 - warrants | 15.02.2010 | 33,990 | 225 450 | 172 950 |
| SOP 2010-2014 - opties | 14.02.2011 | 77,000 | 360 925 | 314 925 |
Voor meer informatie i.v.m. warrants en opties, zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants, aandelenopties en prestatieaandelen'.
| Licenties, | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| patenten en | Gebruiks | Ontwik | ||||
| Aanschaffingswaarde | soortgelijke | Computer | recht | kelings | ||
| in duizend € | rechten | software | terreinen | uitgaven | Overige | Totaal |
| Per 1 januari 2014 | 8 691 | 64 791 | 64 684 | 19 | 16 057 | 154 242 |
| Aanschaffingen | 15 021 | 5 138 | 1 149 | - | 443 | 21 752 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | - | -420 | - | - | -86 | -506 |
| Overdrachten1 | -284 | 272 | - | - | - | -12 |
| Eerste consolidatie | - | 2 | - | - | 6 010 | 6 012 |
| Omrekeningswinsten en | ||||||
| -verliezen (-) | 54 | 1 900 | 7 023 | - | 1 657 | 10 634 |
| Per 31 december 2014 | 23 483 | 71 683 | 72 856 | 19 | 24 081 | 192 121 |
| Per 1 januari 2015 | 23 483 | 71 683 | 72 856 | 19 | 24 081 | 192 121 |
| Aanschaffingen | 26 | 5 389 | 194 | - | 259 | 5 868 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -23 | -601 | -16 | - | -79 | -719 |
| Overdrachten1 | - | 119 | 7 738 | - | - | 7 857 |
| Eerste consolidatie | 674 | 258 | 5 843 | - | 919 | 7 694 |
| Uit consolidatie genomen | -425 | -20 | -2 703 | - | -353 | -3 501 |
| Omrekeningswinsten en | ||||||
| -verliezen (-) | 9 | 1 533 | 3 850 | - | 1 497 | 6 889 |
| Per 31 december 2015 | 23 744 | 78 360 | 87 762 | 19 | 26 324 | 216 208 |
| Afschrijvingen en bijzondere | ||||||
| waardeverminderingen | ||||||
| Per 1 januari 2014 | 8 138 | 52 854 | 8 788 | 19 | 13 399 | 83 198 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 168 | 4 827 | 1 330 | - | 955 | 7 280 |
| Bijzondere waardeverminderingen | - | 116 | - | - | - | 116 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | - | -420 | - | - | -86 | -506 |
| Omrekeningswinsten (-) en | ||||||
| -verliezen | 44 | 1 501 | 1 039 | - | 1 363 | 3 947 |
| Per 31 december 2014 | 8 350 | 58 878 | 11 157 | 19 | 15 631 | 94 034 |
| Per 1 januari 2015 | 8 350 | 58 878 | 11 157 | 19 | 15 631 | 94 034 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 1 647 | 4 160 | 1 751 | - | 2 154 | 9 712 |
| Bijzondere waardeverminderingen | - | 11 | 1 534 | - | 241 | 1 786 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -23 | -601 | - | - | -79 | -703 |
| Uit consolidatie genomen | -425 | -18 | -537 | - | -352 | -1 332 |
| Omrekeningswinsten (-) en | ||||||
| -verliezen | 33 | 1 240 | 719 | - | 1 271 | 3 263 |
| Per 31 december 2015 | 9 582 | 63 670 | 14 624 | 19 | 18 866 | 106 760 |
| Nettoboekwaarde | ||||||
| per 31 december 2014 | 15 133 | 12 805 | 61 699 | - | 8 450 | 98 087 |
| Nettoboekwaarde | ||||||
| per 31 december 2015 | 14 162 | 14 690 | 73 138 | - | 7 458 | 109 448 |
1Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van immateriële activa en materiële vaste activa (zie toelichting 6.3.) worden opgeteld.
De aanschaffingen van software zijn voornamelijk gerelateerd aan het Satellietproject (verkoop en logistiek), het MES-project (Manufacturing Excellence System) en ERP-software (SAP).
Wat betreft het gebruiksrecht van terreinen, zijn de eerste consolidaties in 2015 gerelateerd aan de aankoop van de Pirelli staalkoordvestiging in Jining (China), terwijl Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd uit consolidatie genomen is als gevolg van het verlies van de zeggenschap (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten'). De overdrachten betreffen een herclassificatie van gebruiksrecht van terreinen vanuit Materiële vaste activa.
Op balansdatum waren er geen immateriële vaste activa met een onbepaalde gebruiksduur.
Deze toelichting behelst enkel goodwill op verwerving van dochterondernemingen. Goodwill met betrekking tot joint ventures en geassocieerde ondernemingen zit vervat in toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen'.
| Aanschaffingswaarde 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Per 1 januari 35 566 |
38 018 |
| Toenames 784 |
16 701 |
| Uit consolidatie genomen | - -1 010 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) 1 668 |
268 |
| Per 31 december 38 018 |
53 977 |
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 19 197 | 19 535 |
| Uit consolidatie genomen | - | -1 010 |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | 338 | -247 |
| Per 31 december | 19 535 | 18 278 |
| Nettoboekwaarde per 31 december | 18 483 | 35 699 |
De voltooiing van de bedrijfscombinatie met Pirelli heeft aanleiding gegeven tot een bijkomende goodwill van € 3,5 miljoen in 2015. Bij de aankoop van de Ropes activiteiten van Arrium in Australië is een goodwill van € 13,2 miljoen opgenomen. De gefaseerde overname van BOSFA Pty Ltd in Australië resulteert in een negatieve goodwill van € 0,3 miljoen die opgenomen is in de winst-en-verliesrekening. Het netto effect op de goodwill omwille van de deconsolidatie van de Carding Solutions activiteiten is nul omdat deze goodwill reeds geheel afgewaardeerd was op het ogenblik van verkoop van deze kasstroomgenererende eenheid. Meer informatie over de goodwillberekeningen is voorzien in toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten'.
In 2014 was de toename in goodwill een gevolg van nieuwe bedrijfscombinaties, zijnde de commerciële samenwerking met Maccaferri voor ondergrondse toepassingen (€ 0,1 miljoen) en de acquisitie van Pirelli's staalkoordfabrieken (€ 0,7 miljoen – voorlopig bedrag). De bedrijfscombinatie met ArcelorMittal in Costa Rica, Brazilië en Ecuador resulteerde in een negatieve goodwill van € 10,9 miljoen die opgenomen werd in de winst-enverliesrekening.
De goodwill verworven ten gevolge van een bedrijfscombinatie wordt toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden waarvan verwacht wordt dat zij voordeel zullen halen uit deze bedrijfscombinatie.
De nettoboekwaarde van de goodwill en de eraan verbonden bewegingen zijn als volgt toegewezen:
| Segment in duizend € |
Groep van kasstroomgenererende eenheden |
Nettoboek waarde per 1 jan 2014 |
Toename | Bijzondere waarde vermindering |
Omrekenings verschillen |
Nettoboek waarde per 31 dec 2014 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Dochterondernemingen | ||||||
| EMEA | Cold Drawn Products Ltd | 2 685 | - | - | 189 | 2 874 |
| EMEA | Verbrandingstechnologie - verwarming EMEA |
3 027 | - | - | - | 3 027 |
| EMEA | Bouwproducten | - | 71 | - | - | 71 |
| EMEA | Rubberversterkingsproducten | - | 713 | - | - | 713 |
| Noord-Amerika | Productie-eenheid Orrville (USA) |
8 505 | - | - | 1 157 | 9 662 |
| Latijns-Amerika | Inchalam-groep | 876 | - | - | -16 | 860 |
| Latijns-Amerika | Bekaert Ideal SL vennootschappen |
844 | - | - | - | 844 |
| Pacifisch Azië | Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd |
385 | - | - | - | 385 |
| Pacifisch Azië | Bekaert-Jiangying Wire Products Co Ltd |
47 | - | - | - | 47 |
| Pacifisch Azië | Bekaert Wire Ropes Pty Ltd | - | - | - | - | - |
| Subtotaal | 16 369 | 784 | - | 1 330 | 18 483 | |
| Joint ventures en geassocieerde | ||||||
| ondernemingen | ||||||
| Latijns-Amerika | Belgo Bekaert Arames Ltda | 4 614 | - | - | 53 | 4 667 |
| Subtotaal | 4 614 | - | - | 53 | 4 667 | |
| Totaal | 20 983 | 784 | - | 1 383 | 23 150 |
| Segment in duizend € |
Groep van kasstroomgenererende eenheden |
Nettoboek waarde per 1 jan 2015 |
Toename | Bijzondere waarde vermindering |
Omrekenings verschillen |
Nettoboek waarde per 31 dec 2015 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Dochterondernemingen | ||||||
| EMEA | Cold Drawn Products Ltd | 2 874 | - | - | 176 | 3 050 |
| EMEA | Verbrandingstechnologie - verwarming EMEA |
3 027 | - | - | - | 3 027 |
| EMEA | Bouwproducten | 71 | - | - | - | 71 |
| EMEA | Rubberversterkingsproducten | 713 | 3 542 | - | - | 4 255 |
| Noord-Amerika | Productie-eenheid Orrville | |||||
| (USA) | 9 662 | - | - | 1 112 | 10 774 | |
| Latijns-Amerika | Inchalam-groep | 860 | - | - | -40 | 820 |
| Latijns-Amerika | Bekaert Ideal SL | |||||
| vennootschappen | 844 | - | - | - | 844 | |
| Pacifisch Azië | Bekaert (Qingdao) Wire | |||||
| Products Co Ltd | 385 | - | - | - | 385 | |
| Pacifisch Azië | Bekaert-Jiangying Wire | |||||
| Products Co Ltd | 47 | - | - | - | 47 | |
| Pacifisch Azië | Bekaert Wire Ropes Pty Ltd | - | 13 160 | - | -734 | 12 426 |
| Subtotaal | 18 483 | 16 702 | - | 514 | 35 699 | |
| Joint ventures en geassocieerde | ||||||
| ondernemingen | ||||||
| Latijns-Amerika | Belgo Bekaert Arames Ltda | 4 667 | - | - | -1 181 | 3 486 |
| Subtotaal | 4 667 | - | - | -1 181 | 3 486 | |
| Totaal | 23 150 | 16 702 | - | -667 | 39 185 |
Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden minstens jaarlijks getoetst op bijzondere waardevermindering op basis van hun bedrijfswaarde, met toepassing van de volgende assumpties:
| waardevermindering | Euro-regio | USD-regio | CNY-regio | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Streefcijfers voor de Groep | |||||
| Gearing: nettoschuld / eigen vermogen | 50% | ||||
| % schulden | 33% | ||||
| % eigen vermogen | 67% | ||||
| % langetermijnschulden | 75% | ||||
| % kortetermijnschulden | 25% | ||||
| Schuldkost voor Bekaert | 3,7% | 4,1% | 6,4% | ||
| Langetermijnrentevoet | 4,2% | 4,8% | 6,5% | ||
| Kortetermijnrentevoet | 2,0% | 2,0% | 6,0% | ||
| Eigenvermogenkost voor Bekaert | = Rf + β . Em |
8,4% | 9,8% | 12,4% | |
| Risicovrije rentevoet = Rf | 1,0% | 2,3% | 4,9% | ||
| Beta = β | 1,2 | ||||
| Marktrisicopremie voor eigen vermogen = Em | 6,2% | ||||
| Belastingvoet | 27% | ||||
| Eigenvermogenkost vóór belastingen | 11,5% | 13,4% | 16,9% | ||
| WACC - nominaal | 8,9% | 10,3% | 13,4% | ||
| Verwachte inflatie | 1,3% | 1,7% | 2,1% | ||
| WACC in reële termen | 7,6% | 8,6% | 11,3% |
Disconteringsvoeten voor toetsen op bijzondere
Op basis van de gegevens die op vandaag gekend zijn, zouden redelijkerwijs mogelijke veranderingen in de voornaamste veronderstellingen (waaronder de disconteringsvoet, de omzet- en marge-evolutie) geen aanleiding geven tot bijzondere waardeverminderingen voor één van de overige kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill werd toegewezen.
| Terreinen | Instal laties, machines |
Meubilair | Overige materiële |
||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aanschaffingswaarde in duizend € |
en gebouwen |
en uitrusting |
en rollend materieel |
Financiële leasing |
vaste activa |
Activa in aanbouw |
Totaal |
| Per 1 januari 2014 | 896 869 | 2 223 839 | 90 445 | 8 425 | 5 070 | 67 589 | 3 292 237 |
| Aanschaffingen | 21 871 | 89 433 | 5 347 | 1 373 | 833 | 16 390 | 135 247 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -3 144 | -146 445 | -7 055 | - | - | -1 588 | -158 232 |
| Eerste consolidatie | 80 544 | 78 597 | 707 | - | 157 | 2 535 | 162 540 |
| Overdrachten1 | - | - | - | - | - | 12 | 12 |
| Omrekeningswinsten en | |||||||
| -verliezen (-) | 52 051 | 147 716 | 4 769 | -61 | 70 | 5 263 | 209 809 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 1 659 | 1 921 | 206 | - | - | 116 | 3 901 |
| Overige inflatie-effecten | - | - | - | - | - | 22 | 22 |
| Per 31 december 2014 | 1 049 850 | 2 395 062 | 94 418 | 9 738 | 6 129 | 90 339 | 3 645 537 |
| Per 1 januari 2015 | 1 049 850 | 2 395 062 | 94 418 | 9 738 | 6 129 | 90 339 | 3 645 537 |
| Aanschaffingen | 31 088 | 125 478 | 7 584 | 2 319 | 2 156 | 4 606 | 173 231 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -15 242 | -16 486 | -8 389 | - | -434 | -2 | -40 553 |
| Eerste consolidatie | 48 939 | 30 210 | 1 573 | - | - | 343 | 81 065 |
| Uit consolidatie genomen | -18 299 | -30 680 | -1 513 | - | -750 | -5 638 | -56 880 |
| Overdrachten1 | - | - | - | - | - | -7 857 | -7 857 |
| Omrekeningswinsten en | |||||||
| -verliezen (-) | 27 546 | 108 619 | 3 250 | -356 | 108 | 3 510 | 142 677 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 1 952 | 2 326 | 237 | - | - | 7 | 4 522 |
| Overige inflatie-effecten | - | - | - | - | - | 45 | 45 |
| Per 31 december 2015 | 1 125 834 | 2 614 529 | 97 160 | 11 701 | 7 209 | 85 354 | 3 941 787 |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | |||||||
| Per 1 januari 2014 | 388 714 | 1 576 692 | 73 835 | 1 421 | 2 855 | - | 2 043 516 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 34 308 | 111 077 | 7 823 | 227 | 499 | - | 153 934 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 290 | 17 803 | 176 | - | - | - | 18 270 |
| Terugname van bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen en afschrijvingen |
-9 | -1 383 | -32 | - | - | - | -1 423 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -2 353 | -143 332 | -6 797 | - | - | - | -152 482 |
| Overdrachten1 | 2 | -1 | - | - | - | - | - |
| Omrekeningswinsten (-) en | |||||||
| -verliezen | 24 334 | 101 683 | 3 994 | 38 | - | - | 130 049 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 405 | 931 | 157 | - | - | - | 1 493 |
| Per 31 december 2014 | 445 691 | 1 663 470 | 79 156 | 1 686 | 3 354 | - | 2 193 357 |
| Per 1 januari 2015 | 445 691 | 1 663 470 | 79 156 | 1 686 | 3 354 | - | 2 193 357 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 42 002 | 141 470 | 7 531 | 340 | 433 | - | 191 776 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 2 064 | 10 750 | 132 | - | - | - | 12 946 |
| Terugname van bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen en | |||||||
| afschrijvingen | -29 | -1 520 | -99 | - | - | - | -1 648 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -13 556 | -16 855 | -7 800 | - | -64 | - | -38 275 |
| Overdrachten1 | 47 | -60 | 16 | - | -2 | - | - |
| Uit consolidatie genomen | -3 708 | -14 738 | -1 229 | - | -145 | - | -19 820 |
| Omrekeningswinsten (-) en | |||||||
| -verliezen | 19 591 | 78 299 | 2 800 | -23 | 69 | - | 100 736 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 539 | 1 243 | 207 | - | - | - | 1 989 |
| Per 31 december 2015 | 492 641 | 1 862 059 | 80 714 | 2 003 | 3 645 | - | 2 441 061 |
1Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van immateriële activa (zie toelichting 6.1. 'Immateriële activa') en materiële vaste activa worden opgeteld. In 2015 hebben de overdrachten voornamelijk betrekking op een herclassificatie van gebruiksrecht terreinen van materiële vaste activa naar immateriële activa.
| Instal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Terreinen | laties, machines |
Meubilair | Overige materiële |
||||
| en | en | en rollend | Financiële | vaste | Activa in | ||
| in duizend € | gebouwen | uitrusting | materieel | leasing | activa | aanbouw | Totaal |
| Nettoboekwaarde per | |||||||
| 31 december 2014 vóór | |||||||
| investeringssubsidies en | |||||||
| herclassificering van leasing | 604 159 | 731 592 | 15 262 | 8 052 | 2 775 | 90 339 | 1 452 180 |
| Netto-investeringssubsidies | -7 676 | -11 701 | - | - | - | - | -19 377 |
| Financiële leasing per categorie van | |||||||
| activa | 7 891 | 15 | 146 | -8 052 | - | - | - |
| Nettoboekwaarde | |||||||
| per 31 december 2014 | 604 373 | 719 907 | 15 409 | - | 2 775 | 90 339 | 1 432 803 |
| Nettoboekwaarde per | |||||||
| 31 december 2015 vóór | |||||||
| investeringssubsidies en | |||||||
| herclassificering van leasing | 633 193 | 752 470 | 16 447 | 9 698 | 3 564 | 85 354 | 1 500 726 |
| Netto-investeringssubsidies | -7 739 | -2 535 | - | - | - | - | -10 274 |
| Financiële leasing per categorie van | |||||||
| activa | 7 314 | 2 308 | 76 | -9 698 | - | - | - |
| Nettoboekwaarde | |||||||
| per 31 december 2015 | 632 768 | 752 243 | 16 523 | - | 3 564 | 85 354 | 1 490 452 |
De investeringsprogramma's in België, Chili, China, India, Indonesië, Slovakije en de Verenigde Staten vertegenwoordigden het grootste deel van de aanschaffingen. De netto-omrekeningswinst van dit jaar (€ 41,9 miljoen) heeft voornamelijk betrekking op activa opgenomen in Chinese renminbi (€ 41,0 miljoen), US dollar (€ 30,8 miljoen) en Braziliaanse real (€ -18,2 miljoen).
De methodologie voor het toetsen op bijzondere waardeverminderingen is consistent met deze die uitgelegd wordt in toelichting 6.2. 'Goodwill'. Voor meer details inzake eerste consolidatie en uit consolidatie genomen entiteiten verwijzen we naar toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten'. De eerste consolidaties zijn voornamelijk gerelateerd aan de aankoop van de Pirelli staalkoordvestiging (€ 56,7 miljoen) en de overname van de kabelactiviteiten van Arrium in Australië (€ 32,8 miljoen), terwijl de uit consolidatie genomen activiteiten betrekking hebben op de afstoting van de Carding Solutions activiteiten (€ 10,9 miljoen) en het verlies van zeggenschap in Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd (€ 26,2 miljoen).
Inflatie-effecten hebben betrekking op de toepassing van inflatieboekhouden in Venezuela.
Er werden geen materiële vaste activa verpand als waarborg voor leningen.
De Groep heeft geen deelnemingen in ondernemingen die worden geclassificeerd als geassocieerde ondernemingen.
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Per 1 januari 151 224 |
151 067 |
| Resultaat van het boekjaar 25 330 |
18 320 |
| Dividenden -20 577 |
-18 682 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen 3 339 |
-34 660 |
| Uit consolidatie genomen -8 030 |
-5 382 |
| Andere elementen van het resultaat -219 |
-30 |
| Per 31 december 151 067 |
110 633 |
Voor een analyse van het resultaat van het boekjaar verwijzen wij naar toelichting 5.6. 'Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen'. Als gevolg van de ontwaarding van de Braziliaanse real ontstonden aanzienlijke omrekeningsverliezen in 2015. Uit consolidatie genomen slaat in 2015 op het verlies van de invloed van betekenis in Bekaert Xinyu New Materials Co Ltd en Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd op jaareinde (zie toelichting 6.5. 'Overige vaste activa') en op de gefaseerde overname van BOSFA Pty Ltd (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten'). Uit consolidatie genomen had in 2014 betrekking op de afsplitsing van Bekaert Cimaf Cabos uit Belgo Bekaert Arames Ltda in het kader van de bedrijfscombinatie met ArcelorMittal in Costa Rica en Brazilië en op de vereffening van Bekaert Faser Vertriebs GmbH.
| Aanschaffingswaarde | |
|---|---|
| 2014 in duizend € |
2015 |
| Per 1 januari 4 614 |
4 667 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen 53 |
-1 181 |
| Per 31 december 4 667 |
3 486 |
| 4 667 Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill per 31 december |
3 486 |
| 155 734 Totale nettoboekwaarde per 31 december van deelnemingen in joint ventures |
114 119 |
Hierna volgt een overzicht van het groepsaandeel in het eigen vermogen van de deelnemingen in joint ventures:
| in duizend € | 2014 | 2015 | |
|---|---|---|---|
| Joint ventures | |||
| BOSFA Pty Ltd1 | Australië | 3 393 | - |
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 125 806 | 98 621 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | 14 224 | 12 012 |
| Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd2 | China | - | - |
| Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd3 | China | 7 644 | - |
| Totaal joint ventures, exclusief gerelateerde goodwill | 151 067 | 110 633 | |
| Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill | 4 667 | 3 486 | |
| Totaal joint ventures, inclusief gerelateerde goodwill | 155 734 | 114 119 |
1 Op 12 juni 2015 verwierf Bekaert de zeggenschap in deze onderneming (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten').
2 Op 1 april 2015 verloor Bekaert de zeggenschap in deze onderneming en behield enkel een invloed van betekenis. Aangezien het niveau van haar invloed niet langer significant geacht werd, herclassificeerde Bekaert deze deelneming op jaareinde van een geassocieerde onderneming naar een financieel actief beschikbaar voor verkoop.
3 Op 1 april 2015 verloor Bekaert de gezamenlijke zeggenschap in deze onderneming en behield enkel een invloed van betekenis. Aangezien het niveau van haar invloed niet langer significant geacht werd, herclassificeerde Bekaert deze deelneming op jaareinde van een geassocieerde onderneming naar een financieel actief beschikbaar voor verkoop.
Er werden geen belangrijke voorwaardelijke activa met betrekking tot de joint ventures geïdentificeerd op de balansdatum. De voornaamste voorwaardelijke verplichtingen op balansdatum houden verband met belastingen in Belgo Bekaert Arames Ltda en BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda. Deze Braziliaanse joint ventures proberen al een tijd om ICMS-belastingvorderingen te compenseren voor een totale nettoboekwaarde van € 6,6 miljoen (2014: € 9,3 miljoen). Daarbij worden zij ook geconfronteerd met geschillen die betrekking hebben op ICMS-tegoeden voor een totaal bedrag van € 9,0 miljoen (2014: €13,4 miljoen), ICMStegemoetkomingen: nihil (2014: € 1,7 miljoen) en met andere belastinggeschillen, waarvan de meeste al jaren hangend zijn, voor een totaal nominaal bedrag van € 12,9 miljoen (2014: € 12,3 miljoen). Het is evident dat eventuele verliezen voortvloeiend uit bovenvermelde voorwaardelijke verplichtingen de Groep slechts zouden affecteren in de mate van hun participatie in de betrokken joint ventures (ca. 45%).
In overeenstemming met IFRS 12, 'Informatieverschaffing over betrokkenheid in andere entiteiten', wordt de volgende informatie verstrekt voor belangrijke joint ventures. De twee Braziliaanse joint ventures werden samengevoegd om de dominantie van het partnerschap met ArcelorMittal te benadrukken bij het analyseren van het relatief belang van de joint ventures.
| Deelnemingspercentage (en stemrechtenpercentage) aangehouden door de Groep op jaareinde |
|||
|---|---|---|---|
| Naam van de joint venture in duizend € |
Land | 2014 | 2015 |
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 45,0% (50,0%) | 45,0% (50,0%) |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | 44,5% (50,0%) | 44,5% (50,0%) |
Belgo Bekaert Arames Ltda produceert en verkoopt een grote variëteit van draadproducten die meestal bestemd zijn voor industriële klanten, terwijl BMB hoofdzakelijk draad en kabels ter versterking van rubberbanden produceert en verkoopt.
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Omzet | 820 208 | 709 597 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 79 084 | 79 665 |
| Renteopbrengsten | 2 780 | 3 998 |
| Rentelasten | -5 752 | -6 447 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | -2 405 | -5 899 |
| Winstbelastingen | -6 801 | -9 391 |
| Perioderesultaat | 66 906 | 61 926 |
| Andere elementen van het resultaat | -486 | -73 |
| Volledig perioderesultaat | 66 420 | 61 853 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 20 498 | 18 084 |
| EBITDA | 99 582 | 97 749 |
| Dividenden ontvangen van de entiteit | 20 577 | 18 682 |
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Vlottende activa 252 426 |
184 355 |
| Vaste activa 237 101 |
172 056 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar -126 689 |
-84 319 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar -52 644 |
-27 363 |
| Nettoactiva 310 194 |
244 729 |
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar 47 |
- |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar 14 773 |
14 691 |
| Totaal financiële schulden 14 820 |
14 691 |
| -24 262 Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar |
-83 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten -16 508 |
-13 700 |
| Nettoschuld -25 950 |
908 |
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Nettoactiva van Belgo Bekaert Arames Ltda | 278 802 | 218 323 |
| Deelnemingspercentage van de Groep | 45,0% | 45,0% |
| Proportionele nettoactiva | 125 461 | 98 245 |
| Consolidatie-aanpassingen | 345 | 377 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in Belgo Bekaert Arames Ltda | 125 806 | 98 622 |
| Nettoactiva van BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | 31 392 | 26 406 |
| Deelnemingspercentage van de Groep | 44,5% | 44,5% |
| Proportionele nettoactiva | 13 969 | 11 751 |
| Consolidatie-aanpassingen | 255 | 261 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in BMB-Belgo Mineira Bekaert | ||
| Artefatos de Arame Ltda | 14 224 | 12 012 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in de Braziliaanse joint | ||
| ventures | 140 030 | 110 634 |
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Aandeel van de Groep in het resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | -1 057 | -5 948 |
| Aandeel van de Groep in het volledig perioderesultaat | -1 057 | -5 948 |
| Geaggregeerde nettoboekwaarde van het aandeel van de Groep in deze joint ventures | 11 037 | - |
De Groep heeft overigens geen niet-opgenomen engagementen met betrekking tot haar belangen in joint ventures op de balansdatum (2014: geen).
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Financiële vorderingen op meer dan een jaar en kaswaarborgen | 19 551 | 9 694 |
| Restitutierechten en overige vorderingen op meer dan een jaar | 8 973 | 8 549 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 5 944 | 5 897 |
| Nettovordering uit toegezegdpensioenregelingen op meer dan een jaar | 21 | 7 |
| Financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop | 9 979 | 15 626 |
| Totaal overige vaste activa | 44 468 | 39 773 |
In 2014 hadden de financiële vorderingen op meer dan een jaar voornamelijk betrekking op de uitgestelde betalingen bij de verkoop van de industriële deklagenactiviteit in 2012, die volledig afgewikkeld werden in 2015.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Per 1 januari | 8 713 | 9 979 |
| Aanschaffingen | 21 | 100 |
| Verkopen | - | -123 |
| Veranderingen in reële waarde | 1 405 | -2 001 |
| Waardeverminderingen | -157 | -302 |
| Eerste consolidatie | 5 | - |
| Overboekingen | - | 8 007 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | -8 | -34 |
| Per 31 december | 9 979 | 15 626 |
De financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop hebben in hoofdzaak betrekking op de deelnemingen in:
| Nettoboekwaarde | Vorderingen | Verplichtingen | ||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | 2014 | 2015 |
| Per 1 januari | 77 551 | 101 267 | 37 023 | 54 253 |
| Toename of afname via resultaat | 26 554 | 26 882 | 11 653 | 10 017 |
| Toename of afname via OCI1 | 732 | 63 | -1 355 | - |
| Eerste consolidatie | 10 487 | 8 174 | 24 580 | 292 |
| Uit consolidatie genomen | - | -291 | - | - |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | 5 745 | 2 538 | 2 154 | -3 920 |
| Saldering vorderingen en verplichtingen | -19 802 | -7 429 | -19 802 | -7 429 |
| Per 31 december | 101 267 | 131 204 | 54 253 | 53 213 |
1 OCI (Other Comprehensive Income)f: Andere elementen van het resultaat.
Uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen zijn toe te wijzen aan de volgende rubrieken:
| Vorderingen | Verplichtingen | Nettovorderingen | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | 2014 | 2015 | 2014 | 2015 |
| Immateriële activa | 7 581 | 7 550 | 6 038 | 6 845 | 1 543 | 705 |
| Materiële vaste activa | 39 346 | 45 486 | 47 330 | 44 638 | -7 984 | 848 |
| Financiële vaste activa | 1 | 7 | 16 065 | 24 804 | -16 064 | -24 797 |
| Voorraden | 10 116 | 10 726 | 4 534 | 2 980 | 5 582 | 7 746 |
| Vorderingen | 8 072 | 9 296 | 261 | 3 769 | 7 811 | 5 527 |
| Andere vlottende activa | 258 | 977 | 8 292 | 3 428 | -8 034 | -2 451 |
| Voorzieningen voor | ||||||
| personeelsbeloningen | 29 286 | 25 685 | 104 | 105 | 29 182 | 25 580 |
| Overige voorzieningen | 4 274 | 5 921 | 2 474 | 5 959 | 1 800 | -38 |
| Overige verplichtingen | 20 744 | 14 180 | 9 436 | 8 395 | 11 308 | 5 785 |
| Overdraagbare fiscaal | ||||||
| aftrekbare verliezen, | ||||||
| aftrekposten en | ||||||
| terugvorderbare belastingen | 21 870 | 59 086 | - | - | 21 870 | 59 086 |
| Belastingvorderingen / - | ||||||
| verplichtingen | 141 548 | 178 914 | 94 534 | 100 923 | 47 014 | 77 991 |
| Saldering vorderingen en | ||||||
| verplichtingen | -40 281 | -47 710 | -40 281 | -47 710 | - | - |
| Nettobelastingvorderingen / | ||||||
| -verplichtingen | 101 267 | 131 204 | 54 253 | 53 213 | 47 014 | 77 991 |
De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot materiële vaste activa komen voornamelijk voort uit verschillen in gebruiksduur tussen IFRS en de fiscale boeken. De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot financiële vaste activa hebben voornamelijk te maken met tijdelijke verschillen die ontstaan uit nietuitgekeerde winsten bij dochterondernemingen en joint ventures.
| Opgenomen | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| via winst-en | Overnames | Omreke | ||||
| 2014 | Per | verlies | Opgenomen | en | ningswinsten | Per |
| in duizend € | 1 januari | rekening | via OCI | afstotingen1 | en -verliezen | 31 december |
| Tijdelijke verschillen | ||||||
| Immateriële activa | -5 031 | 1 679 | - | 5 510 | -615 | 1 543 |
| Materiële vaste activa | 13 417 | 2 200 | - | -24 487 | 886 | -7 984 |
| Financiële vaste activa | -20 761 | 3 833 | 1 066 | - | -202 | -16 064 |
| Voorraden | 3 550 | 1 433 | - | 1 101 | -502 | 5 582 |
| Vorderingen | 8 226 | -1 088 | - | 2 | 671 | 7 811 |
| Andere vlottende activa | -1 321 | -6 628 | - | - | -85 | -8 034 |
| Voorzieningen voor personeels | ||||||
| beloningen | 20 275 | 5 344 | 1 021 | 1 027 | 1 515 | 29 182 |
| Overige voorzieningen | 354 | -1 549 | - | 2 641 | 354 | 1 800 |
| Overige verplichtingen | 9 036 | 1 594 | - | 113 | 565 | 11 308 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare | ||||||
| verliezen, aftrekposten en | ||||||
| terugvorderbare belastingen | 12 783 | 8 083 | - | - | 1 004 | 21 870 |
| Totaal | 40 528 | 14 901 | 2 087 | -14 093 | 3 591 | 47 014 |
| Opgenomen | ||||||
| via winst-en | Overnames | Omreke | ||||
| 2015 | Per | verlies | Opgenomen | en | ningswinsten | Per |
| in duizend € | 1 januari | rekening | via OCI | afstotingen1 | en -verliezen | 31 december |
| Tijdelijke verschillen | ||||||
| Immateriële activa | 1 543 | -178 | - | -3 | -657 | 705 |
| Materiële vaste activa | -7 984 | -3 173 | - | 6 485 | 5 520 | 848 |
| Financiële vaste activa | -16 064 | -9 149 | -67 | - | 483 | -24 797 |
| Voorraden | 5 582 | 4 429 | - | -1 666 | -599 | 7 746 |
| Vorderingen | 7 811 | -2 627 | - | -3 | 346 | 5 527 |
| Andere vlottende activa | -8 034 | 5 663 | - | 31 | -111 | -2 451 |
| Voorzieningen voor personeels | ||||||
| beloningen | 29 182 | -6 378 | 130 | 1 496 | 1 150 | 25 580 |
| Overige voorzieningen | 1 800 | -2 631 | - | 553 | 240 | -38 |
| Overige verplichtingen | 11 308 | -5 750 | - | 351 | -124 | 5 785 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare | ||||||
| verliezen, aftrekposten en | ||||||
| terugvorderbare belastingen | 21 870 | 36 659 | - | 347 | 210 | 59 086 |
1 Heeft in 2014 betrekking op de deal met ArcelorMittal in Costa Rica, Brazilië en Ecuador, het commerciële partnerschap voor ondergrondse toepassingen met Maccaferri en de overname van de staalkoordfabrieken van Pirelli. In 2015 heeft dit betrekking op de bedrijfscombinaties en afstotingen zoals beschreven in toelichting 7.2. 'Effrect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten'.
| 2014 | Voor | Na | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | belastingen | Belastingen | belastingen |
| Omrekeningsverschillen | 92 868 | 1 355 | 94 223 |
| Inflatie-aanpassingen | 1 574 | - | 1 574 |
| Kasstroomafdekkingen | 755 | - | 755 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | 1 405 | -289 | 1 116 |
| Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen | -28 418 | 1 021 | -27 397 |
| Aandeel in de andere elementen van het resultaat van joint ventures en | |||
| geassocieerde ondernemingen | -219 | - | -219 |
| Totaal | 67 965 | 2 087 | 70 052 |
| 2015 | Voor | Na | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | belastingen | Belastingen | belastingen |
| Omrekeningsverschillen | -16 070 | - | -16 070 |
| Inflatie-aanpassingen | 1 208 | - | 1 208 |
| Kasstroomafdekkingen | 175 | -67 | 108 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | -2 001 | - | -2 001 |
| Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen | 11 321 | 130 | 11 451 |
| Aandeel in de andere elementen van het resultaat van joint ventures en | |||
| geassocieerde ondernemingen | -30 | - | -30 |
| Totaal | -5 397 | 63 | -5 334 |
Er werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen met betrekking tot volgende aftrekbare elementen (brutowaarden):
| in duizend € | 2014 | 2015 | Verschil 2015 - 2014 |
|---|---|---|---|
| Aftrekbare tijdelijke verschillen | 270 086 | 298 863 | 28 777 |
| Beleggingsverliezen | 14 781 | 26 627 | 11 846 |
| Operationele verliezen en aftrekposten | 829 911 | 708 929 | -120 982 |
| Totaal | 1 114 778 | 1 034 419 | -80 359 |
| 2014 in duizend € |
Te vervallen binnen 1 jaar |
Te vervallen tussen 1 en 5 jaar |
Te vervallen na meer dan 5 jaar |
Niet vervallend |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Beleggingsverliezen | - | - | - | 14 781 | 14 781 |
| Operationele verliezen | 23 501 | 194 696 | 103 823 | 509 839 | 831 859 |
| Aftrekposten | - | 65 978 | - | 10 779 | 76 757 |
| Totaal | 23 501 | 260 674 | 103 823 | 535 399 | 923 397 |
| 2015 in duizend € |
Te vervallen binnen 1 jaar |
Te vervallen tussen 1 en 5 jaar |
Te vervallen na meer dan 5 jaar |
Niet vervallend |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Beleggingsverliezen | - | - | - | 26 627 | 26 627 |
| Operationele verliezen | 13 673 | 154 015 | 71 946 | 604 398 | 844 032 |
| Aftrekposten | - | 57 052 | - | 35 942 | 92 994 |
| Totaal | 13 673 | 211 067 | 71 946 | 666 967 | 963 653 |
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Grond- en hulpstoffen en wisselstukken | 223 367 | 199 091 |
| Goederen in bewerking en gereed product | 312 423 | 323 451 |
| Handelsgoederen | 105 017 | 106 189 |
| Voorraden | 640 807 | 628 731 |
| Handelsvorderingen | 707 569 | 686 364 |
| Ontvangen bankwissels | 114 117 | 68 005 |
| Betaalde voorschotten | 24 897 | 15 126 |
| Handelsschulden | -390 943 | -456 783 |
| Ontvangen voorschotten | -5 106 | -3 137 |
| Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid | -107 432 | -117 532 |
| Belastingen m.b.t. personeel | -9 298 | -8 016 |
| Operationeel werkkapitaal | 974 611 | 812 758 |
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Per 1 januari 792 836 |
974 611 |
| Organische toename of afname 54 623 |
-212 266 |
| Afwaarderingen en terugname van afwaarderingen -4 364 |
-8 281 |
| Eerste consolidatie 71 900 |
58 899 |
| Uit consolidatie genomen - |
-8 465 |
| Impact inflatieboekhouden 647 |
1 241 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) 58 969 |
7 019 |
| Per 31 december 974 611 |
812 758 |
Het gemiddeld operationeel werkkapitaal vertegenwoordigde 24,8% van de omzet (2014: 26,7%).
Bijkomende informatie volgt hieronder:
De kostprijs van verkopen bevat vervoer- en verhandelingskosten van gereed product voor € 165,9 miljoen (2014: € 151,6 miljoen), die nooit werden gekapitaliseerd in voorraden. De bewegingen in de voorraden omvatten nettoafwaarderingen in 2015 voor € 6,8 miljoen (2014: nettoafwaarderingen voor € 5,0 miljoen).
Er werden net als in 2014 geen voorraden verpand als waarborg voor leningen.
De volgende tabel stelt de bewegingen in waardeverminderingen op handelsvorderingen voor:
| Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen | |
|---|---|
| 2014 in duizend € |
2015 |
| Per 1 januari -39 371 |
-41 767 |
| Opgenomen verliezen in huidig jaar -3 128 |
-8 614 |
| Opgenomen verliezen in vorige jaren - aangewende bedragen 807 |
4 140 |
| Opgenomen verliezen in vorige jaren - terugname van niet aangewende | |
| bedragen 2 933 |
3 013 |
| Uit consolidatie genomen | - 52 |
| Omrekeningswinsten en verliezen (-) -3 008 |
-1 900 |
| Per 31 december -41 767 |
-45 076 |
De volgende tabel geeft verdere informatie omtrent waardeverminderingen en vervallen vorderingen:
| Handelsvorderingen en ontvangen bankwissels | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Brutoboekwaarde | 863 453 | 799 445 |
| Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen (afgewaardeerd) | -41 767 | -45 076 |
| Nettoboekwaarde | 821 686 | 754 369 |
| waarvan vervallen maar niet afgewaardeerd | ||
| bedrag | 97 669 | 93 097 |
| gemiddeld aantal dagen uitstaand | 98 | 106 |
Betreffende de handelsvorderingen die niet afgewaardeerd en niet vervallen zijn, zijn er geen aanwijzingen dat de debiteuren hun betalingsverplichtingen niet zullen nakomen. Voor meer informatie over kredietverbeteringstechnieken verwijzen wij naar toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Per 1 januari 83 781 |
106 627 |
| Toename of afname 10 517 |
-12 483 |
| Waardeverminderingen en terugnemingen van waardeverminderingen -158 |
1 556 |
| Eerste consolidatie 6 134 |
3 219 |
| Uit consolidatie genomen - |
-3 165 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen 6 353 |
3 532 |
| Per 31 december 106 627 |
99 286 |
Overige vorderingen hebben voornamelijk betrekking op winstbelastingen (€ 40,3 miljoen (2014: € 32,6 miljoen)), BTW en overige belastingen (€ 49,7 miljoen (2014: € 45,8 miljoen)) en sociale leningen aan personeel (€ 3,0 miljoen (2014: € 3,2 miljoen)).
| Nettoboekwaarde in duizend € |
2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 458 542 | 401 771 |
| Geldbeleggingen | 14 160 | 10 216 |
Voor de wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten: zie het geconsolideerd kasstroomoverzicht en toelichting 7.1. 'Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht'. Kasequivalenten en geldbeleggingen omvatten op de balansdatum geen marktgenoteerde schuldinstrumenten of eigenvermogensinstrumenten en worden zonder uitzondering geclassificeerd als leningen en vorderingen.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Leningen en financiële vorderingen op ten hoogste een jaar | 13 998 | 33 185 |
| Betaalde voorschotten | 24 897 | 15 126 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 18 213 | 9 747 |
| Overlopende rekeningen (actief) | 7 942 | 7 991 |
| Per 31 december | 65 050 | 66 049 |
De leningen en financiële vorderingen op ten hoogste een jaar hebben voornamelijk betrekking op een lening aan Bekaert Xinyu New Materials Co Ltd (€ 31,4 miljoen), een deelneming beschikbaar voor verkoop, met een aflossingsschema binnen het jaar, en op diverse kaswaarborgen (€ 1,6 miljoen). De derivaten omvatten CCIRSovereenkomsten (€ 5,8 miljoen) en termijnwisselcontracten (€ 3,9 miljoen).
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Per 1 januari | 2 096 | - |
| Toenames en afnames (-) | -2 096 | - |
| Per 31 december | - | - |
In 2015 zijn er geen individuele activa of groepen van activa en verplichtingen geclassificeerd als aangehouden voor verkoop op de balansdatum. De bewegingen in 2014 houden verband met terreinen en gebouwen in België die vorig jaar verkocht werden.
| 2014 | 2015 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Geplaatst kapitaal | Nominale | Nominale | |||
| in duizend € | waarde Aantal aandelen | waarde Aantal aandelen | |||
| 1 | Per 1 januari | 176 773 | 60 063 871 | 176 914 | 60 111 405 |
| Bewegingen van het jaar | |||||
| Uitgifte van nieuwe aandelen | 141 | 47 534 | 43 | 14 120 | |
| Per 31 december | 176 914 | 60 111 405 | 176 957 | 60 125 525 | |
| 2 | Structuur | ||||
| 2.1 | Soorten aandelen | ||||
| waarde | 176 914 | 60 111 405 | 176 957 | 60 125 525 | |
| 2.2 | Aandelen op naam | 1 722 615 | 148 202 | ||
| Gedematerialiseerde aandelen | 58 353 432 | 59 977 323 | |||
| Te dematerialiseren aandelen | 35 358 | - | |||
| Toegestaan niet-geplaatst kapitaal | 152 176 | 152 175 |
In totaal werden 14 120 warrants uitgeoefend in 2015 in het kader van het SOP1-aandelenoptieplan en het SOP 2005-2009-aandelenoptieplan, wat geresulteerd heeft in de uitgifte van 14 120 nieuwe aandelen van de onderneming.
Van de 4 275 010 eigen aandelen die de onderneming in portefeuille had per 31 december 2014, heeft de onderneming er 26 300 verkocht in het kader van aandelenoptieplannen. Er werden geen eigen aandelen ingekocht of vernietigd in 2015. Bijgevolg had de onderneming een totaal van 4 248 710 eigen aandelen in bezit per 31 december 2015.
In onderstaande tabellen zijn de details van de aandelenoptieplannen weergegeven die hetzij op de balansdatum, hetzij op de vorige balansdatum nog een uitstaand saldo vertoonden:
| Datum van | Uitoefen | Aantal warrants | Laatste | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
uitgifte van warrants |
prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
uitoefen periode |
| 22.05 - | 22.05 - | ||||||||
| 12.07.2002 | 10.09.2002 | 25.09.2002 | 15,825 | 106 152 | 105 432 | 720 | - | 30.06.2006 | 15.06.2015 |
| 106 152 | 105 432 | 720 | - |
| Aantal opties | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| uitoefen periode |
Uitstaand | Verbeurd verklaard |
Uitge oefend |
Toege kend |
prijs (in €) |
Datum van toekenning |
Datum van aanbod |
| 22.05 - | |||||||
| 30.06.2010 | 10 000 | - | 27 500 | 37 500 | 30,175 | 19.02.2007 | 21.12.2006 |
| 22.05 - | |||||||
| 30.06.2011 | 180 | - | 12 690 | 12 870 | 28,335 | 18.02.2008 | 20.12.2007 |
| 22.05 - | |||||||
| 30.06.2011 | 19 320 | - | 11 310 | 30 630 | 28,335 | 18.02.2008 | 20.12.2007 |
| 22.05 - | |||||||
| 30.06.2012 | 64 500 | - | - | 64 500 | 16,660 | 16.02.2009 | 18.12.2008 |
| 22.05 - | |||||||
| 30.06.2013 | 49 500 | - | - | 49 500 | 33,990 | 15.02.2010 | 17.12.2009 |
| 143 500 | - | 51 500 | 195 000 | ||||
| Eerste | Uitoefen |
| Aantal warrants | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Datum van uitgifte van warrants |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 22.12.2005 | 20.02.2006 | 22.03.2006 | 23,795 | 190 698 | 180 567 | 15 | 10 116 | 30.06.2009 | 15.12.2020 |
| 21.12.2006 | 19.02.2007 | 22.03.2007 | 30,175 | 153 810 | 143 540 | 600 | 9 670 | 22.05 - 30.06.2010 |
15.11 - 15.12.2021 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 22.04.2008 | 28,335 | 14 100 | 2 100 | 9 900 | 2 100 | 30.06.2011 | 15.12.2017 |
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 22.04.2008 | 28,335 | 215 100 | 85 650 | 12 700 | 116 750 | 22.05 - 30.06.2011 |
15.11 - 15.12.2022 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 18.12.2008 | 16.02.2009 | 20.10.2009 | 16,660 | 288 150 | 123 750 | 19 500 | 144 900 | 30.06.2012 | 15.12.2018 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 17.12.2009 | 15.02.2010 | 08.09.2010 | 33,990 | 225 450 | - | 52 500 | 172 950 | 30.06.2013 | 15.12.2019 |
| 1 087 308 | 535 607 | 95 215 | 456 486 |
| Aantal opties | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
| 28.02 - | Medio nov.- | |||||||
| 16.12.2010 | 14.02.2011 | 77,000 | 360 925 | - | 46 000 | 314 925 | 13.04.2014 | 15.12.2020 |
| 27.02. - | Medio nov. - | |||||||
| 22.12.2011 | 20.02.2012 | 25,140 | 287 800 | 26 300 | 2 600 | 258 900 | 12.04.2015 | 21.12.2021 |
| Eind feb. - | Medio nov. - | |||||||
| 20.12.2012 | 18.02.2013 | 19,200 | 267 200 | - | 2 700 | 264 500 | 10.04.2016 | 19.12.2022 |
| Eind feb. - | Eind feb. - | |||||||
| 29.03.2013 | 28.05.2013 | 21,450 | 260 000 | - | - | 260 000 | 09.04.2017 | 28.03.2023 |
| Eind feb. - | Medio nov. - | |||||||
| 19.12.2013 | 17.02.2014 | 25,380 | 373 450 | - | - | 373 450 | 09.04.2017 | 18.12.2023 |
| Eind feb. - | Medio nov. - | |||||||
| 18.12.2014 | 16.02.2015 | 26,055 | 349 810 | - | - | 349 810 | 09.04.2018 | 18.12.2024 |
| 1 899 185 | 26 300 | 51 300 | 1 821 585 |
| 2014 | 2015 | |||
|---|---|---|---|---|
| Gewogen | Gewogen | |||
| gemiddelde | gemiddelde | |||
| uitoefenprijs | uitoefenprijs | |||
| Aandelenoptieplan SOP1 | Aantal warrants | (in €) | Aantal warrants | (in €) |
| Uitstaand op 1 januari | 14 254 | 15,664 | 720 | 15,825 |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -13 534 | 15,655 | -720 | 15,825 |
| Uitstaand op 31 december | 720 | 15,825 | - | 0,000 |
| 2014 | 2015 | |||
| Gewogen | Gewogen | |||
| gemiddelde | gemiddelde | |||
| uitoefenprijs | uitoefenprijs | |||
| Aandelenoptieplan SOP2 | Aantal opties | (in €) | Aantal opties | (in €) |
| Uitstaand op 1 januari | 143 500 | 25,166 | 143 500 | 25,166 |
| Uitstaand op 31 december | 143 500 | 25,166 | 143 500 | 25,166 |
| 2014 | 2015 | |||
| Gewogen | Gewogen | |||
| gemiddelde | gemiddelde | |||
| Aantal warrants | uitoefenprijs (in €) |
Aantal warrants | uitoefenprijs (in €) |
|
| Aandelenoptieplan SOP 2005-2009 | ||||
| Uitstaand op 1 januari | 523 401 | 26,068 | 489 386 | 26,720 |
| Verbeurd verklaard gedurende het jaar | -15 | 23,795 | -19 500 | 33,873 |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -34 000 | 16,678 | -13 400 | 16,660 |
| Uitstaand op 31 december | 489 386 | 26,720 | 456 486 | 26,710 |
| 2014 | Gewogen | 2015 | Gewogen | |
| gemiddelde | gemiddelde | |||
| uitoefenprijs | uitoefenprijs | |||
| Aandelenoptieplan SOP 2010-2014 | Aantal opties | (in €) | Aantal opties | (in €) |
| Uitstaand op 1 januari | 1 160 625 | 38,640 | 1 498 075 | 34,413 |
| Toegekend gedurende het jaar | 373 450 | 25,380 | 349 810 | 26,055 |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | - | 0,000 | -26 300 | 25,140 |
| Gewogen gemiddelde resterende contractuele looptijd in jaren |
2014 | 2015 |
|---|---|---|
| SOP1 | 0,5 | 0,0 |
| SOP2 | 4,7 | 3,7 |
| SOP 2005-2009 | 5,4 | 4,5 |
| SOP 2010-2014 | 7,7 | 7,1 |
Verbeurd verklaard gedurende het jaar -36 000 77,000 - - Uitstaand op 31 december 1 498 075 34,413 1 821 585 32,942
In 2015 was de gewogen gemiddelde aandelenkoers op de uitoefendatum € 26,22 voor de SOP1-warrants (2014: € 27,82), niet van toepassing voor de SOP2-opties (2014: niet van toepassing), € 26,36 voor de SOP 2005-2009 warrants (2014: € 27,45) en € 27,09 voor de SOP 2010-2014-opties (2014: niet van toepassing). De uitoefenprijs van de warrants en opties is gelijk aan het laagste van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de moedervennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die het aanbod voorafgaan en (ii) de laatste slotkoers die voorafgaat aan de dag van het aanbod. Wanneer de warrants onder het SOP1-plan of het SOP 2005-2009 plan uitgeoefend worden, wordt het eigen vermogen verhoogd met de ontvangen opbrengsten. Volgens de voorwaarden van de SOP1- en SOP2-plannen waren alle tot in 2004 toegekende warrants of opties onmiddellijk verworven.
Onder de voorwaarden van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 werden opties tot het verwerven van bestaande aandelen van de onderneming aangeboden aan de leden van het Bekaert Group Executive, de Senior Vice Presidents en een aantal hogere kaderleden gedurende de periode 2010-2014. De toekenningsdata van elk aanbod waren gepland in de periode 2011-2015. De uitoefenprijs van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 werd op dezelfde manier bepaald als van de voorgaande plannen. De toezeggingsvoorwaarden van zowel de SOP 2010-2014-toekenningen, de SOP2005-2009-toekenningen als de SOP2-toekenningen vanaf 2006 zijn zo opgesteld dat de warrants of opties volledig verworven zullen zijn op 1 januari van het vierde jaar na de datum van het aanbod. In het kader van de Economische Herstelwet van 27 maart 2009 werd de uitoefenperiode van de SOP2-opties en de SOP 2005-2009-warranten toegekend in 2006, 2007 en 2008 met vijf jaar verlengd in het voordeel van begunstigden die onderworpen waren aan de Belgische inkomstenbelastingen op het ogenblik dat de verlenging werd aangeboden.De toename in reële waarde toegekend als gevolg van de verlengde uitoefenperiode bedraagt € 0,3 miljoen.
De leden van het Bekaert Group Executive, het senior management en een beperkt aantal kaderleden van de vennootschap en van enkele van haar dochtervennootschappen ontvingen gedurende 2015 prestatieaandeeleenheden die de begunstigde het recht geven prestatieaandelen te ontvangen volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan 2015-2017. Deze prestatieaandeeleenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachttijd van drie jaar op voorwaarde dat een vooraf vastgelegde prestatiedoelstelling bereikt wordt. De prestatiedoelstelling werd vastgelegd door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de Groep.
De opties toegekend onder SOP2 en SOP 2010-2014, de warrants toegekend onder SOP 2005-2009 en de prestatieaandelen toegekend onder het Performance Share Plan 2015-2017 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). De reële waarde van de opties en prestatieaandeeleenheden wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel. Inputs en uitkomsten van het optiewaarderingsmodel worden hieronder gedetailleerd:
| Toegekend in februari 2014 |
Toegekend in februari 2015 |
Toegekend in december 20151 |
Toegekend in februari 20162 |
|---|---|---|---|
| 27,32 | 25,65 | 27,25 | 27,25 |
| 25,38 | 26,06 | - | 26,38 |
| 39% | 39% | 39% | 39% |
| 3,0% | 3,0% | 3,0% | 3,0% |
| 3 | 3 | 3 | 3 |
| 10 | 10 | - | 10 |
| 3% | 3% | 3% | 3% |
| 1,0% | 0,1% | -0,2% | 0,05% |
| 1,40 | 1,40 | - | 1,40 |
| 7,96 | 6,71 | 36,08 | 7,44 |
1 Performance Share Plan 2015-2017
2 Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.
Het model houdt rekening met een vervroegde uitoefening door middel van een uitoefenfactor. Een uitoefenfactor van 1,40 staat voor de veronderstelling dat de gemiddelde begunstigde de opties en warrants uitoefent na de wachtperiode zodra de aandelenkoers de uitoefenprijs 40% overstijgt.
In de loop van 2015 werden 349 810 opties (2014: 373 450) toegekend onder SOP 2010-2014 met een reële waarde van € 6,71 (2014: € 7,96) per eenheid. De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 2,9 miljoen (2014: € 2,8 miljoen) op basis van een lineaire afschrijving van de reële waarde van de opties en warrants toegekend gedurende de laatste drie jaar.
Op 17 december 2015 werd een aanbod van 50 850 prestatieaandeeleenheden gedaan in het kader van Performance Share Plan 2015-2017. De toegekende eenheden vertegenwoordigen een reële waarde van € 1,8 miljoen.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Afdekkingsreserve | 132 | - |
| Herwaarderingsreserve voor financiële activa beschikbaar voor verkoop | 2 098 | 97 |
| Herwaarderingen van toegezegdpensioenregelingen | -79 146 | -68 317 |
| Overige herwaarderingsreserves | -16 905 | -8 200 |
| Uitgestelde belastingen opgenomen in het eigen vermogen via OCI | 29 722 | 30 119 |
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 22 188 | - |
| Eigen aandelen | -145 953 | -144 747 |
| Overige reserves | -187 864 | -191 048 |
| Gecumuleerde omrekeningsverschillen | -6 149 | -30 451 |
| Totaal overige Groepsreserves | -194 013 | -221 499 |
| Overgedragen resultaten | 1 352 197 | 1 397 356 |
De bewegingen in de diverse elementen van de reserves zijn als volgt:
Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten die worden aangemerkt als effectieve kasstroomafdekkingen worden elk kwartaal berekend en rechtstreeks in het eigen vermogen opgenomen. In overeenstemming met de IFRS-voorschriften voor hedge accounting met betrekking tot kasstroomafdekkingen worden de wisselresultaten als gevolg van de omrekening van de onderliggende schulden tegen slotkoers gecompenseerd door de betrokken bedragen elk kwartaal over te boeken van de afdekkingsreserve naar de winst-enverliesrekening. De kasstroomafdekkingsinstrumenten werden afgewikkeld wanneer de Eurobond verviel in maart 2015.
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Per 1 januari 693 |
2 098 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening 157 |
302 |
| Wijzigingen in reële waarde 1 248 |
-2 303 |
| Per 31 december 2 098 |
97 |
| Waarvan | |
| Participatie in Shougang Concord Century Holdings Ltd 2 001 |
- |
| Andere 97 |
97 |
De herwaardering van de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd is gebaseerd op de slotkoers op de beurs van Hongkong. In 2015 werd een bedrag van € 0,3 miljoen overgeboekt naar de winst-enverliesrekening als gevolg van een bijzondere waardevermindering (€ 0,2 miljoen medio 2014).
Herwaarderingen van toegezegdpensioenregelingen
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Per 1 januari -52 076 |
-79 146 |
| Herwaarderingen van de periode -27 742 |
11 967 |
| Inflatie-effecten -269 |
-430 |
| Wijzigingen in Groepstructuur 941 |
-708 |
| Per 31 december -79 146 |
-68 317 |
De herwaarderingen resulteren uit het gebruik van gewijzigde actuariële veronderstellingen bij de bepaling van de toegezegdpensioenverplichtingen en uit verschillen tegenover de werkelijke rendementen van fondsbeleggingen op de balansdatum (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen'). Deze reserve omvat geen herwaarderingen toerekenbaar aan minderheidsbelangen van derden.
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -5 894 | -16 905 |
| Herclassificeringen naar overgedragen resultaten | - | 8 687 |
| Wijzigingen in Groepstructuur | -2 811 | 18 |
| Put- optie op aankoop minderheidsbelangen | -8 200 | - |
| Per 31 december | -16 905 | -8 200 |
Een deel van de overige herwaarderingsreserves bestond uit historische reëlewaardeaanpassingen als gevolg van bedrijfscombinaties van voor 2011. Het actief gebruik van herwaarderingsreserves kan bij sommige lezers de indruk wekken dat Bekaert het herwaarderingsmodel toepast bij de waardering van haar vaste activa, wat niet het geval is. Reëlewaardeaanpassingen als gevolg van bedrijfscombinaties na 2011 werden trouwens altijd direct opgenomen in de overgedragen resultaten. Daarom werd nu ook het historisch restant van de herwaarderingsreserves geherclassificeerd naar overgedragen resutaten per jaareinde 2015.
Als onderdeel van de initiële boekhoudkundige verwerking van de bedrijfscombinatie met Maccaferri (zie toelichting 7.2. 'Effect van nieuwe bedrijfscombinaties') werd een schuld van € 8,2 miljoen opgenomen tegenover eigen vermogen. Deze schuld vertegenwoordigt de initiële reële waarde van de schuld voortvloeiend uit de putoptie toegekend aan Maccaferri op hun resterende minderheidsbelangen in Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA. Alle latere reëlewaardewijzigingen met betrekking tot deze financiële verplichting worden in overeenstemming met IFRS opgenomen via de winst-en-verliesrekening.
Uitgestelde belastingen opgenomen in het eigen vermogen via OCI
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 28 014 | 29 722 |
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat | 1 844 | -91 |
| Inflatie-effecten | 92 | 146 |
| Wijzigingen in Groepstructuur | -228 | 342 |
| Per 31 december | 29 722 | 30 119 |
Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat ('OCI'=Other Comprehensive Income) worden eveneens opgenomen via OCI (zie toelichting 6.6. 'Uitgestelde belastingvorderingen en verplichtingen').
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Per 1 januari | 19 343 | 22 188 |
| Toegekende eigenvermogensinstrumenten | 2 845 | 2 906 |
| Herclassificeringen naar overgedragen resultaten | - | -25 094 |
| Per 31 december | 22 188 | - |
Opties toegekend onder het SOP2 en SOP 2010-2014 aandelenoptieplan en warrants toegekend onder het SOP 2005-2009-aandelenoptieplan (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants, aandelenopties en prestatieaandelen') worden verwerkt als in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2, 'Op aandelen gebaseerde betalingen'. De reële waarde op de toekenningsdatum van de aandelenoptieplannen wordt ten laste genomen van het resultaat over de wachtperiode tot de definitieve toezegging met daartegenover een toename van het eigen vermogen. Sinds de eerste toepassing van IFRS 2 is deze reserve blijven toenemen, wat eerder verwarrend kan zijn. Daarom werd deze reserve geherclassificeerd naar overgedragen resultaten per jaareinde 2015.
Eigen aandelen
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Per 1 januari -73 851 |
-145 953 |
| Ingekochte aandelen -72 102 |
- |
| Inkomsten van verkochte aandelen - |
1 206 |
| Per 31 december -145 953 |
-144 747 |
Terwijl 2,6 miljoen aandelen teruggekocht werden in 2014 om te anticiperen op enige verwatering als gevolg van hetzij de converteerbare obligatielening in juni, hetzij het uitoefenen van opties toegekend in het kader van optieplannen, hadden de enige eigenaandelentransacties in 2015 betrekking op de uitoefening van een eerder gering aantal opties (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants, aandelenopties en prestatieaandelen').
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -84 776 | -6 149 |
| Omrekeningsverschillen op goedgekeurde dividenden | -5 606 | -5 296 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening in verband met afgestoten | ||
| entiteiten of gefaseerde overnames | 1 042 | 393 |
| Wijzigingen in Groepstructuur | 1 766 | -2 359 |
| Bewegingen ontstaan uit wisselkoersfluctuaties | 81 425 | -17 040 |
| Per 31 december | -6 149 | -30 451 |
| Waarvan gerelateerd aan entiteiten met volgende functionele valuta's | ||
| Chinese renminbi | 123 304 | 158 720 |
| US dollar | 15 994 | 35 911 |
| Braziliaanse real | -107 398 | -170 636 |
| Chileense peso | -1 677 | -9 370 |
| Venezolaanse bolivar | -38 307 | -42 344 |
| Indische roepie | -5 620 | -3 183 |
| Tsjechische kroon | 6 587 | 7 557 |
| Russische roebel | -1 015 | -5 433 |
| Andere valuta's | 1 983 | -1 673 |
De schommelingen in omrekeningsverschillen weerspiegelen zowel de wisselkoersevolutie als het relatief belang van de nettoactiva opgenomen in de vermelde valuta's.
| Nettoboekwaarde | |
|---|---|
| 2014 in duizend € |
2015 |
| Per 1 januari 157 600 |
199 421 |
| Wijzigingen in Groepstructuur 25 988 |
-85 152 |
| Aandeel in het perioderesultaat 378 |
3 917 |
| Aandeel in andere elementen van het resultaat behalve CTA -338 |
-281 |
| Uitgekeerde dividenden -54 663 |
-7 391 |
| Kapitaalverhogingen 53 399 |
14 967 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) 17 057 |
5 731 |
| Per 31 december 199 421 |
131 212 |
De wijzigingen in Groepstructuur in 2015 houden hoofdzakelijk verband met de transactie waardoor Bekaert in december de resterende minderheidsbelangen in de Ropes-entiteiten overnam van de Chileense partners (€ -78,3 miljoen). De overige wijzigingen in Groepstructuur (ten belope van € -6,8 miljoen) kwamen voort uit de bedrijfscombinatie met Pirelli, de overname van de resterende minderheidsbelangen in twee Chinese entiteiten en in de Maleisische en Indonesische 'Southern Wire'-entiteiten van Southern Steel, en het verlies van de zeggenschap in Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd. In 2014 kwamen de wijzigingen in Groepstructuur voornamelijk voort uit de bedrijfscombinatie met ArcelorMittal (€ 11,2 miljoen), omwille van minderheidsbelangen van 42% die ontstonden in de nieuwe entiteiten in Costa Rica en een toename in minderheidsbelangen van 20% naar 42% in de bestaande entiteit in Ecuador. Minderheidsbelangen namen ook substantieel toe als gevolg van de bedrijfscombinaties met Pirelli (€ 9,2 miljoen) en Maccaferri (€ 2,8 miljoen).
In 2015 verbeterde het aandeel in het perioderesultaat dankzij de positieve bijdrage van de Pirelli-entiteiten en de minder negatieve bijdrage van de Southern Wire-entiteiten (na de opname van aanzienlijke verliezen uit bijzondere waardeverminderingen in 2014), terwijl de Ropes-entiteiten getroffen werden door de sterk teruglopende vraag in de olie- en gassector.
In 2014 werden de uitgekeerde dividenden door Inchalam SA en Prodalam SA aangewend door de Chileense partners om kapitaalsverhogingen ten belope van € 40,5 miljoen te financieren in Acma Inversiones SA, Prodinsa SA en Procables Wire Ropes SA. Deze kapitaalsverhogingen maakten deel uit van een portfolioherschikking geïnitieerd in 2014, waarbij Bekaert begin 2015 zijn aandeel in de Ropes-activiteiten in Chili, Peru en Canada zou verhogen van 52% tot 65%. In 2015 werden bijkomende kapitaalverhogingen uitgevoerd in de Ropes-entiteiten (€ 15,6 miljoen).
In overeenstemming met IFRS 12, 'Informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten', wordt volgende informatie verschaft met betrekking tot dochterondernemingen waarin derden minderheidsbelangen aanhouden die van materieel belang zijn voor de Groep. De bedoeling van IFRS 12 is om van een onderneming bijkomende toelichtingen te vereisen die de lezers van haar jaarrekening toelaten volgende elementen te evalueren: (a) de aard van haar belangen in andere ondernemingen en de daaraan verbonden risico's en (b) de effecten van deze belangen op haar financiële positie, winstgevendheid en kasstromen. Bekaert heeft vele partnerschappen over de hele wereld, waarvan de meeste individuele entiteiten niet zouden voldoen aan zinvolle materialiteitscriteria. Daarom heeft de Groep drie groepen van entiteiten met minderheidsbelangen geïdentificeerd die onderling verbonden zijn door de aard van hun activiteiten en aandeelhoudersstructuur: (1) de Ropes-entiteiten, een globale business waarin Bekaert recent haar wereldwijde voetafdruk heeft uitgebreid en haar participatie heeft verhoogd tegenover de Chileense partners; (2) de Wire-entiteiten in Chili en Peru, waarin de minderheidsbelangen hoofdzakelijk in handen zijn van de Chileense partners, en (3) de Wireentiteiten in de Andina-regio, waarin de minderheidsbelangen hoofdzakelijk in handen zijn van de Ecuadoriaanse familie Kohn en ArcelorMittal. Bij de groepering van deze informatie werden enkel de intragroepseffecten binnen elke groep van entiteiten geëlimineerd, terwijl alle andere entiteiten van de Groep als derden werden behandeld.
| Aandeel van | |||
|---|---|---|---|
| Entiteiten opgenomen in de toelichting m.b.t. materiële | minderheidsbelangen op | ||
| minderheidsbelangen | jaareinde | ||
| Land | 2014 | 2015 | |
| Ropes-entiteiten | |||
| Acma Inversiones SA | Chili | 48,0% | 0,0% |
| Inversiones Bekaert Andean Ropes SA | Chili | 0,0% | 0,0% |
| Procables Wire Ropes SA | Chili | 48,0% | 0,0% |
| Prodinsa SA | Chili | 48,0% | 0,0% |
| Bekaert Cimaf Cabos Ltda | Brazilië | 0,0% | 0,0% |
| Procables SA | Peru | 50,0% | 3,9% |
| Bekaert Wire Rope Industry NV | België | 0,0% | 0,0% |
| Wire Rope Industries Ltd | Canada | 48,0% | 0,0% |
| Wire Rope Industries USA Inc | Verenigde Staten | 0,0% | 0,0% |
| Bekaert Wire Ropes Pty Ltd | Australië | 0,0% | 0,0% |
| Wire-entiteiten Chili en Peru | |||
| Acma SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Acmanet SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Industrias Acmanet Ltda | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Procercos SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Prodalam SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Impala SA | Panama | 48,0% | 48,0% |
| Productos de Acero Cassadó SA | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Prodac Contrata SAC | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Prodac Selva SAC | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Wire-entiteiten Andina regio | |||
| Bekaert Ideal SL | Spanje | 20,0% | 20,0% |
| Productora de Alambres Colombianos - Proalco SAS | Colombia | 20,0% | 20,0% |
| Bekaert Costa Rica SA | Costa Rica | 41,6% | 41,6% |
| BIA Alambres Costa Rica SA | Costa Rica | 41,6% | 41,6% |
| Ideal Alambrec SA | Ecuador | 41,6% | 41,6% |
| InverVicson SA | Venezuela | 20,0% | 20,0% |
| Vicson SA | Venezuela | 20,0% | 20,0% |
De hoofdactiviteit van de voornaamste entiteiten in bovenstaande lijst is de productie en verkoop van draad, staalkabel en andere draadproducten, in hoofdzaak voor de lokale markt. De volgende entiteiten zijn in wezen holdings die deelnemingen aanhouden in één of meer van de overige entiteiten in deze lijst: Acma Inversiones SA, Inversiones Bekaert Andean Ropes SA, Procables Wire Ropes SA, Bekaert Wire Rope Industry NV, Industrias Acmanet Ltda, Procercos SA, Impala SA en Bekaert Ideal SL. De volgende tabel toont het relatief belang van de entiteitgroepen met materiële minderheidsbelangen in termen van resultaten en eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen.
| Materiële en overige minderheidsbelangen | Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen |
Eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen |
||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | 2014 | 2015 |
| Ropes-entiteiten | 5 050 | 957 | 33 908 | 250 |
| Wire-entiteiten Chili en Peru | 33 291 | 6 295 | 83 090 | 83 886 |
| Wire-entiteiten Andina regio | -3 229 | -1 743 | 21 902 | 20 343 |
| Consolidatieaanpassingen op materiële minderheidsbelangen |
-27 617 | -1 613 | -2 333 | -32 003 |
| Bijdrage van de materiële minderheidsbelangen tot de geconsolideerde minderheidsbelangen |
7 495 | 3 896 | 136 567 | 72 476 |
| Overige minderheidsbelangen | -7 117 | 21 | 62 854 | 58 731 |
| Totaal minderheidsbelangen | 378 | 3 917 | 199 421 | 131 207 |
De consolidatieaanpassingen aan het perioderesultaat toerekenbaar aan materiële minderheidsbelangen in 2014 omvatten de eliminatie van een winst van € 28 miljoen geboekt door de Chileense Wire-entiteiten bij de verkoop van hun Ropes-participaties aan de Ropes-entiteiten. De substantiële consolidatieaanpassingen aan het eigen vermogen toerekenbaar aan materiële minderheidsbelangen in 2015 houden nog altijd verband met deze verschuiving van eigen vermogen van de Ropes-entiteiten (waarvan de minderheidsbelangen teruggekocht werden in 2015) naar de de Chileense Wire-entiteiten.
| Ropes-entiteiten | |
|---|---|
| 2014 in duizend € |
2015 |
| Vlottende activa 70 135 |
89 233 |
| Vaste activa 78 810 |
125 131 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar 33 536 |
184 034 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar 14 557 |
41 618 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep 66 944 |
-11 538 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan | |
| minderheidsbelangen 33 908 |
250 |
Begin 2015 verhoogde Bekaert haar participatie in de Ropes-activiteiten in Chili, Peru en Canada van 52% naar 65%, en nam daarop de Ropes-activiteiten van Arrium (Australië) over, samen met de Chileense partners (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten'). In december 2015 sloten Bekaert en haar Chileense partners een overeenkomst om hun partnerschap in de Ropes-activiteiten te beëindigen, waarbij Bekaert de resterende minderheidsbelangen in de Ropes-entiteiten overnam van de Chileense partners. Het onbeduidende bedrag aan eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen (€ 0,3 miljoen) op jaareinde 2015 heeft betrekking op de belangen aangehouden door de Peruaanse aandeelhouders in Procables SA.
| Ropes-entiteiten | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Omzet | 107 965 | 144 732 |
| Kosten | -98 029 | -150 105 |
| Perioderesultaat | 9 936 | -5 373 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | 4 886 | -6 330 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 5 050 | 957 |
| Andere elementen van het resultaat | 540 | -16 531 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan de Groep | 297 | -11 907 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 243 | -4 624 |
| Volledig perioderesultaat | 10 476 | -21 904 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | 5 183 | -18 237 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 5 293 | -3 667 |
| Uitbetaalde dividenden aan minderheidsbelangen | - | - |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten | 8 819 | 6 398 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten | -90 987 | -189 666 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten | 85 539 | 184 465 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) | 3 371 | 1 197 |
Het perioderesultaat van de Ropes-entiteiten werd zowel in 2014 als in 2015 negatief beïnvloed door de zwakke economische situatie in de olie- en gassector. In 2015 werd het resultaat in belangrijke mate gedrukt door de kosten in verband met de overname van Bekaert Wire Ropes Pty Ltd (€ 3,2 miljoen) en door een actuele winstbelasting van € 5,0 miljoen, volledig toerekenbaar aan de Groep, met betrekking tot een winst op een intragroepsoverdracht van aandelen in Chili. Het perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen weerspiegelt het feit dat, gemiddeld genomen over het hele jaar, Matco Cables SpA een participatie van ongeveer 35% had (tegenover 48% in 2014) in de operationele Ropes-entiteiten. De substantiële kasuitstromen uit investeringsactiviteiten in 2015 houden hoofdzakelijk verband met de bedrijfscombinatie met Arrium, de inkoop van de minderheidsbelangen van Matco Cables SpA en investeringen in materiële vaste activa. In 2014 hadden de kasuitstromen uit investeringsactiviteiten voornamelijk betrekking op een intragroepsoverdracht van aandelen in voorbereiding van de portfolioherschikking met Matco Cables SpA.
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | 203 143 | 181 799 |
| Vaste activa | 136 700 | 140 010 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 146 543 | 112 300 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 34 680 | 51 123 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep | 75 530 | 74 500 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan | ||
| minderheidsbelangen | 83 090 | 83 886 |
Strikte opvolging van het werkkapitaal vormde de voornaamste oorzaak van de daling in vlottende activa, terwijl de afname in verplichtingen hoofdzakelijk gedreven werd door de financiële schulden.
| Wire-entiteiten Chili en Peru | |||
|---|---|---|---|
| ------------------------------- | -- | -- | -- |
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Omzet 411 655 |
434 933 |
| Kosten -343 301 |
-422 039 |
| Perioderesultaat 68 354 |
12 894 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep 35 063 |
6 599 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen 33 291 |
6 295 |
| Andere elementen van het resultaat 14 751 |
-1 273 |
| 6 866 Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan de Groep |
-1 428 |
| 7 885 Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen |
155 |
| Volledig perioderesultaat 83 105 |
11 621 |
| 41 929 Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep |
5 171 |
| 41 176 Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen |
6 450 |
| Uitbetaalde dividenden aan minderheidsbelangen -53 171 |
-5 532 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten 11 196 |
52 954 |
| 63 671 Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten |
-9 502 |
| -87 856 Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten |
-36 885 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) -12 989 |
6 567 |
De omzet en de bedrijfsresultaten namen toe, hoewel Peru leed onder drastische besparingen in de overheidsuitgaven. Het perioderesultaat bevatte in 2014 een eenmalige winst van € 58 miljoen op de overdracht van de Ropes-deelnemingen. De andere elementen van het resultaat bestaan uit omrekeningsverschillen, die beïnvloed werden door de verzwakte Chileense peso. Kasinstromen uit bedrijfsactiviteiten namen beduidend toe dankzij sterke operationele prestaties en vermindering van het werkkapitaal. Kasinstromen uit investeringsactiviteiten in 2014 bevatten eenmalige opbrengsten uit de overdracht van de Ropes-deelnemingen (€ 78,1 miljoen). Kasuitstromen uit financieringsactiviteiten in 2014 bevatten eenmalige betalingen van dividenden en kapitaalsverhogingen in verband met de overdracht van de Ropes-deelnemingen.
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | 113 372 | 110 022 |
| Vaste activa | 70 104 | 72 584 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 99 973 | 101 758 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 22 553 | 24 444 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep | 39 048 | 36 061 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan | ||
| minderheidsbelangen | 21 902 | 20 343 |
De voornaamste balanssubtotalen bleven vrijwel constant, hoewel de nettoactiva in Venezuela verder wegsmolten als gevolg van de spectaculaire ontwaarding van de bolivar.
| Wire-entiteiten Andina regio | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Omzet | 172 306 | 204 551 |
| Kosten | -183 570 | -207 911 |
| Perioderesultaat | -11 264 | -3 360 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | -8 035 | -1 617 |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | -3 229 | -1 743 |
| Andere elementen van het resultaat | 4 468 | -53 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan de Groep | 2 551 | -1 047 |
| Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 1 917 | 994 |
| Volledig perioderesultaat | -6 796 | -3 413 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep | -5 484 | -2 664 |
| Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen | -1 312 | -749 |
| Uitbetaalde dividenden aan minderheidsbelangen | -1 027 | -850 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten | 315 | 11 221 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten | -1 624 | -6 901 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten | 20 766 | 7 679 |
| Nettokasinstroom (-uitstroom) | 19 457 | 11 999 |
De omzet verhoogde in alle landen behalve Venezuela, voortgestuwd door acquisitie-effecten in Costa Rica en een sterkere dollar maar gedrukt door een zwakkere Colombiaanse peso. De bedrijfsresultaten toonden een lichte verbetering, voornamelijk in Colombia en Ecuador. De financiële resultaten dreven op eenmalige positieve wisselresultaten. De andere elementen van het resultaat zijn voornamelijk het gevolg van omrekeningsverliezen op de vertaling van de nettoactiva in Colombia en Venezuela. Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten verbeterden vooral in Colombia en Ecuador. Kasuitstromen uit investeringsactiviteiten namen toe als gevolg van een expansieprogramma in Ecuador. Kasinstromen uit financieringsactiviteiten namen af door hogere rentelasten en dividenduitkeringen en minder bijkomende rentedragende schulden.
Vicson SA (Venezuela) is gebonden aan beperkingen op de repatriatie van geldmiddelen vanwege de regulering van deviezenverkeer in Venezuela.
Per 31 december 2015 bedroegen de totale nettovoorzieningen voor personeelsbeloningen € 298,4 miljoen (€ 297,7 miljoen per jaareinde 2014), met volgende samenstelling:
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Voorzieningen voor | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | 169 651 | 159 941 |
| Andere langetermijnpersoneelsbeloningen | 2 779 | 6 077 |
| In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 1 675 | 1 946 |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 107 432 | 117 532 |
| Ontslagvergoedingen | 16 170 | 12 915 |
| Totaal voorzieningen in de balans | 297 707 | 298 411 |
| waarvan | ||
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 175 774 | 167 130 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 121 933 | 131 281 |
| Activa voor | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | -21 | -7 |
| Totaal activa in de balans | -21 | -7 |
| Totaal nettovoorzieningen | 297 686 | 298 404 |
In overeenstemming met IAS 19, 'Personeelsbeloningen', worden vergoedingsregelingen na uitdiensttreding opgedeeld in toegezegdebijdragenregelingen en toegezegdpensioenregelingen.
Bij toegezegdebijdragenregelingen of defined-contribution (DC) plans betaalt Bekaert bijdragen aan publieke of private pensioenfondsen of aan verzekeringsmaatschappijen. Eenmaal de bijdragen zijn betaald, heeft de Groep geen verdere betalingsverplichtingen. Deze bijdragen worden ten laste genomen van de periode waarin de verplichting ontstaat.
De Belgische toegezegdebijdragenregelingen zijn bij wet onderworpen aan een gewaarborgde minimumrendementen. Eind 2015 werd de pensioenwetgeving aangepast en definieert dat het minimum gegarandeerd rendement vanaf 1 januari 2016 een variabel procent is, gelinkt aan het rendement op overheidsobligaties waargenomen op de markt. Voor 2016 wordt het minimum gegarandeerd rendement 1,75% op werkgevers- en werknemersbijdragen.
De vroegere rendementen (3,25% op werkgeversbijdragen en 3,75% op werknemersbijdragen) worden verder toegepast op de gecumuleerde bijdragen van het verleden in de groepsverzekering op 31 december 2015. Bijgevolg werden de toegezegdebijdragenregelingen geherclassificeerd als toegezegdpensioenregelingen per 31 december 2015.
In Nederland neemt Bekaert deel aan een collectieve toegezegdpensioenregeling van meerdere werkgevers die gefinancierd wordt via het Pensioenfonds Metaal & Techniek. Deze regeling wordt geclassificeerd als toegezegdebijdragenregeling omdat er geen informatie beschikbaar is met betrekking tot de fondsbeleggingen toerekenbaar aan Bekaert. De bijdragen met betrekking tot deze regeling bedroegen € 0,8 miljoen (2014: € 0,8 miljoen).
| Toegezegdebijdragenregelingen 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Opgenomen kosten 12 304 |
18 545 |
Van de opgenomen kosten was € 6,0 miljoen voor Belgische pensioenplannen (2014: € 4,7 miljoen).
Meerdere ondernemingen van de Groep voorzien in toegezegdpensioenregelingen of defined-benefit (DB) plans voor pensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding. Dergelijke regelingen gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op hun bezoldiging en aantal dienstjaren.
De recentste actuariële IAS 19-waarderingen werden voor alle significante toegezegdpensioenregelingen na uitdiensttreding uitgevoerd op 31 december 2015 door onafhankelijke actuarissen. In België en de Verenigde Staten bevinden zich de belangrijkste toegezegdpensioenregelingen voor de Groep. Zij vertegenwoordigen 85,4% (2014: 83,6%) van de brutoverplichtingen en 99,8% (2014: 99,7%) van de fondsbeleggingen van de Groep.
De gefinancierde pensioenregelingen vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 164,1 miljoen (2014: € 114,2 miljoen) en € 147,3 miljoen activa (2014: € 93,1 miljoen). Ze voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering en in geval van overlijden of invaliditeit voorafgaand aan pensionering. Deze regelingen worden extern gefinancierd door twee instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP) in eigen beheer. Op regelmatige basis wordt een Asset Liability Matching (ALM) studie uitgevoerd, waarin de gevolgen van strategische investeringsrichtlijnen worden geanalyseerd in termen van risico-en rendementsprofielen. Uit deze studie worden de investeringsprincipes en het financieringsbeleid afgeleid. Het is de bedoeling de beleggingen afdoende te diversifiëren teneinde het risico onder controle te houden. De investerings- en aansprakelijkheidsrisico's worden op kwartaalbasis opgevolgd. De financieringspolitiek heeft als doel om minstens volledig gefinancierd te zijn in termen van statutaire minimumvereisten (dit is een voorzichtige schatting van de pensioenverplichtingen). Op 31 december 2015 namen de brutoverplichting toe met € 51,9 miljoen en de fondsbeleggingen met € 50,3 miljoen als gevolg van de herclassificatie van de toegezegdebijdragenregelingen.
Niet-gefinancierde regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op brugpensioenen (brutoverplichting € 23,2 miljoen (2014: € 28,8 miljoen)), die niet extern gefinancierd zijn. Een bedrag van € 8,5 miljoen (2014: € 8,6 miljoen) heeft betrekking op werknemers in actieve dienst die nog geen brugpensioenovereenkomst hebben afgesloten.
De pensioenregelingen vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 142,2 miljoen (2014: € 134,7 miljoen) en € 92,4 miljoen activa (2014: € 134,7 miljoen) en zijn extern gefinancierd. De plannen voorzien in levenslange rentebetalingen aan de deelnemers, maar werden gesloten voor nieuwe deelnemers. De activa zijn geïnvesteerd in obligaties en in aandelen. Op basis van een Asset Liability Matching studie werd de allocatie van de activa verschoven naar meer obligaties met langere looptijd. De financieringspolitiek is erop gericht om voldoende gefinancierd te zijn in termen van de vereisten van de Pension Protection Act, om te vermijden dat er uitkeringsbeperkingen van kracht worden of dat de regelingen een at risk-status verwerven.
Andere regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op medische zorgen (brutoverplichting € 5,5 miljoen (2014: € 5,2 miljoen)), die niet extern gefinancierd zijn.
Volgende bedragen werden opgenomen in de balans:
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| België | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 114 166 | 164 091 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -93 145 | -147 325 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 21 021 | 16 766 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 32 154 | 25 618 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 53 175 | 42 384 |
| Verenigde Staten | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 134 726 | 142 225 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -84 489 | -92 386 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 50 237 | 49 839 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 9 611 | 9 884 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 59 848 | 59 723 |
| Andere | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 868 | 666 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -512 | -458 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 356 | 208 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 56 251 | 57 619 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 56 607 | 57 827 |
| Totaal | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 249 760 | 306 982 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -178 146 | -240 169 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 71 614 | 66 813 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 98 016 | 93 121 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 169 630 | 159 934 |
De evolutie van de brutoverplichting, de fondsbeleggingen en de nettovoorziening en -vordering over het jaar zijn als volgt:
| Netto | |||
|---|---|---|---|
| Bruto | Fonds | voorzieningen/ | |
| in duizend € | verplichting | beleggingen | vorderingen (-) |
| Per 1 januari 2014 | 283 419 | -149 330 | 134 089 |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | 10 777 | - | 10 777 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | 2 203 | - | 2 203 |
| Rentelasten / -opbrengsten (-) | 11 130 | -5 856 | 5 274 |
| Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat | 24 110 | -5 856 | 18 254 |
| Componenten opgenomen in EBIT | 12 980 | ||
| Componenten opgenomen in het financieel resultaat | 5 274 | ||
| Herwaarderingen | |||
| Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering | |||
| van bedragen opgenomen in de rentelasten / | |||
| -opbrengsten (-) | - | -10 288 | -10 288 |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische | |||
| assumpties | 7 699 | - | 7 699 |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële | |||
| assumpties | 30 134 | - | 30 134 |
| Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen |
873 38 706 |
- -10 288 |
873 28 418 |
| Bijdragen | |||
| Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen | - | -28 482 | -28 482 |
| Werknemersbijdragen | 132 | -132 | - |
| Uitbetalingen van het plan | |||
| Uitbetaalde vergoedingen | -25 722 | 25 722 | - |
| Acquisities | 8 991 | - | 8 991 |
| Effecten van omrekening van vreemde valuta | 18 140 | -9 779 | 8 360 |
| Per 31 december 2014 | 347 776 | -178 146 | 169 630 |
| Per 1 januari 2015 | 347 776 | -178 146 | 169 630 |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | 13 457 | - | 13 457 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | 2 787 | - | 2 787 |
| Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen | 169 | - | 169 |
| Rentelasten / -opbrengsten (-) | 11 270 | -5 299 | 5 971 |
| Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat | 27 683 | -5 299 | 22 384 |
| Componenten opgenomen in EBIT | 16 413 | ||
| Componenten opgenomen in het financieel resultaat | 5 971 | ||
| Herwaarderingen | |||
| Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering | |||
| van bedragen opgenomen in de rentelasten / | |||
| -opbrengsten (-) | - | 3 025 | 3 025 |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische | |||
| assumpties | -6 660 | - | -6 660 |
| Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële | |||
| assumpties | -9 903 | - | -9 903 |
| Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen | 2 217 | - | 2 217 |
| Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen | -14 346 | 3 025 | -11 321 |
| Bijdragen | |||
| Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen | - | -30 053 | -30 053 |
| Werknemersbijdragen | 162 | -162 | - |
| Uitbetalingen van het plan | |||
| Uitbetaalde vergoedingen | -30 438 | 30 438 | - |
| Reclassifications | 48 861 | -50 321 | -1 460 |
| Acquisities | 3 446 | - | 3 446 |
| Afstotingen | -164 | 81 | -83 |
| Effecten van omrekening van vreemde valuta | 17 122 | -9 731 | 7 391 |
| Per 31 december 2015 | 400 102 | -240 168 | 159 934 |
De pensioenkosten van verstreken diensttijd hebben voornamelijk betrekking op een pensioeneringspremie in Peru en reflecteren de impact van de herclassificatie van de Belgische toegezegdebijdragenregelingen. In de winst-en-verliesrekening worden zowel de pensioenkosten toegerekend aan het dienstjaar als van verstreken diensttijd, inclusief de winsten en verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT). De nettorentelast of -opbrengst maakt deel uit van de rentelasten, onder rentegedeelte van rentedragende voorzieningen.
Restitutierechten voortkomend uit herverzekeringscontracten met betrekking tot pensioenen, overlijdens- en invaliditeitsvergoedingen in Duitsland bedragen € 0,3 miljoen (2014: € 0,3 miljoen).
Voor 2016 worden volgende bijdragen en uitbetaalde vergoedingen verwacht:
| Verwachte bijdragen en uitbetaalde vergoedingen | |
|---|---|
| in duizend € | 2016 |
| Pensioenregelingen | 28 247 |
| Totaal | 28 247 |
De reële waarde van de fondsbeleggingen per 31 december was als volgt samengesteld:
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| België | ||
| Obligaties | 42 670 | 33 032 |
| Aandelen | 46 080 | 55 165 |
| Geldmiddelen | 4 395 | 8 807 |
| Verzekeringen | - | 50 321 |
| Totaal België | 93 145 | 147 325 |
| Verenigde Staten | ||
| Obligaties | ||
| USD langetermijnobligaties | 45 711 | 49 132 |
| USD vastrentende effecten | 8 367 | 9 358 |
| USD gewaarborgde deposito's | 5 445 | 5 937 |
| Aandelen | ||
| USD aandelen | 17 726 | 20 084 |
| Niet-USD aandelen | 7 241 | 7 875 |
| Totaal Verenigde Staten | 84 489 | 92 386 |
| Andere | ||
| Obligaties | 512 | 609 |
| Totaal Andere | 512 | 609 |
| Totaal | 178 146 | 240 320 |
In de Verenigde Staten wordt voornamelijk geïnvesteerd via beleggingsfondsen en gekantonneerde fondsen van verzekeringsmaatschappijen in genoteerde aandelen en obligaties. In België wordt voornamelijk belegd via beleggingsfondsen in genoteerde aandelen en obligaties. De beleggingen zijn afdoende gediversifieerd zodat een faling van één enkele belegging geen materiële impact zou hebben op het globale niveau van de activa. De verzekeringscontracten genieten van gegarandeerde rentevoeten, waarvan het gewogen gemiddelde 3,16% bedraagt op 31 december 2015. De fondsbeleggingen van de Groep omvatten geen directe positie in Bekaertaandelen of –obligaties, noch vastgoed dat wordt gebruikt door een Bekaertentiteit.
De voornaamste actuariële veronderstellingen op balansdatum (gewogen gemiddelden gebaseerd op uitstaande brutoverplichtingen) zijn:
| Actuariële veronderstellingen | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 3,1% | 3,4% |
| Jaarlijkse verhoging van bezoldigingen | 3,3% | 3,4% |
| Onderliggende inflatie | 2,5% | 2,8% |
| Toename gezondheidszorgkost (initieel) | 6,5% | 6,3% |
| Toename gezondheidszorgkost (uiteindelijk) | 5,0% | 4,5% |
| Gezondheidszorg (jaren voor het bereiken van het uiteindelijke percentage) | 6 | 8 |
De disconteringsvoet voor de Verenigde Staten en België is een weerspiegeling van zowel de huidige renteomgeving als van de specifieke karakteristieken van de planverplichtingen. In eerste instantie worden de geprojecteerde toekomstige uitbetalingen gekoppeld aan de toepasselijke contantkoersen, op basis waarvan de contante waarde berekend wordt. Daarna wordt teruggerekend wat de gemiddelde disconteringsvoet is die dezelfde contante waarde oplevert. De contantkoersen worden afgeleid van een rentecurve gebaseerd op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een AA-kredietstatus uitgegeven in de munt van de toepasselijke regionale markt. Dit resulteert in de volgende disconteringsvoeten:
| Disconteringsvoet | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| België | 1,8% | 2,0% |
| Verenigde Staten | 3,9% | 4,2% |
| Overige | 4,7% | 4,6% |
Assumpties met betrekking tot toekomstige sterfte zijn gebaseerd op actuarieel advies in ov ereenstemming met gepubliceerde statistieken en ervaring voor elke regio. Deze assumpties worden vertaald in een gemiddelde levensverwachting in jaren voor een gepensioneerde die uit dienst treedt op de leeftijd van 65:
| 2014 | 2015 | |
|---|---|---|
| Levensverwachting voor een man van 65 (jaren)op de balansdatum | 21,5 | 20,9 |
| Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) op de balansdatum | 23,9 | 23,1 |
| Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum | 22,4 | 21,7 |
| Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum | 24,8 | 24,0 |
Een sensitiviteitsanalyse levert volgende effecten op:
| Sensitiviteitsanalyse in duizend € |
Wijziging in veronder stelling |
Impact op toegezegd pensioenregelingen |
||
|---|---|---|---|---|
| Disconteringsvoet | -0,50% | Stijging met | 21 379 | 5,3% |
| Salarisstijging | 0,50% | Stijging met | 6 028 | 1,5% |
| Gezondheidszorgkost | 0,50% | Stijging met | 214 | 0,1% |
| Levensverwachting | Stijging met | Stijging met | 3 968 | 1,0% |
| 1 jaar |
Bij bovenstaande sensitiviteitsanalyse werden alle andere veronderstellingen constant gehouden.
De Groep is, door zijn toegezegdpensioenregelingen, blootgesteld aan een aantal risico's, waarvan de belangrijkste hieronder zijn toegelicht:
| Volatiliteit van de activa | De verplichtingen van het plan worden berekend met behulp van een disconteringsvoet gebaseerd op bedrijfsobligatierendementen; wanneer de fondsbeleggingen dit rendement niet behalen, zal dit een tekort veroorzaken. |
|---|---|
| Wijzigingen in obligatie rendementen |
Een afname van de rendementen op bedrijfsobligaties leidt tot een toename van de verplichtingen, hoewel dit gedeeltelijk zal worden gecompenseerd door een waardestijging van de obligaties in portefeuille. |
| Salarisrisico | De brutoverplichtingen van de meeste regelingen worden berekend op basis van de toekomstige verloning van de deelnemers. Bijgevolg zal een hoger dan verwachte salarisstijging leiden tot hogere verplichtingen. |
| Langlevenrisico | Belgische pensioenplannen voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering. Zodoende is er weinig of geen langlevenrisico. Pensioenplannen in de Verenigde Staten voorzien in voordelen voor de deelnemers zolang zij leven, dus zal een toename in levensverwachting resulteren in een toename van de planverplichtingen. |
De gewogen gemiddelde vervaltermijnen van de brutoverplichtingen waren als volgt:
| België | 12,60 |
|---|---|
| Verenigde Staten | 12,42 |
| Andere | 9,89 |
| Totaal | 12,12 |
De andere langetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op jubileumpremies. De toename van de verplichtingen is het gevolg van acquisities en de herclassificatie van een plan in Italië.
De Groep kent aan bepaalde werknemers Stock Appreciation Rights (SARs) toe die hen het recht geven om op de uitoefendag de intrinsieke waarde van de SARs te ontvangen. Deze SARs worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingstransacties in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde aandelenoptieplannen (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants, aandelenopties en prestatieaandelen'). Gebaseerd op de lokale regulering, is de uitoefenprijs voor elke toekenning onder de SAR-plannen in de VS gelijk aan de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de onderneming gedurende de dertig dagen volgend op de datum van het aanbod. De uitoefenprijs van de andere SAR-plannen is bepaald op dezelfde wijze als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde aandelenoptieplannen: als de laagste waarde van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de onderneming gedurende dertig dagen voorafgaand aan de datum van het aanbod, en (ii) de laatste slotkoers voorafgaand aan de datum van het aanbod.
Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 28,39 (2014: € 26,35), verwachte volatiliteit van 39% (2014: 39%), een verwacht dividend van 3,0% (2014: 3,0%), een wachtperiode van 3 jaar, een gemiddelde contractduur van 10 jaar, een uitstroom van personeel van 4% in Azië (2014: 4%) en 4% in andere landen (2014: 3%) en een uitoefenfactor van 1,40 (2014: 1,40). De input voor de risicovrije rente varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO's1 met een looptijd gelijk aan de looptijd van de bewuste SAR-toekenning.
De uitoefenprijzen en reële waardes van de uitstaande SARs per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:
| Details van VS SAR-plannen per toekenning | Reële waarde per | Reële waarde per | |
|---|---|---|---|
| in € | Uitoefenprijs | 31 dec 2014 | 31 dec 2015 |
| Toekenning 2008 | 28,76 | 2,66 | - |
| Toekenning 2009 | 16,58 | 9,60 | 11,20 |
| Toekenning 2010 | 37,05 | 2,83 | 2,69 |
| Toekenning 2011 | 83,43 | 1,21 | 1,16 |
| Toekenning 2012 | 27,63 | 5,73 | 6,44 |
| Toekenning 2013 | 22,09 | 7,88 | 8,36 |
| Exceptionele toekenning 2013 | 22,51 | 8,80 | 9,45 |
| Toekenning 2014 | 25,66 | 7,18 | 7,85 |
| Toekenning 2015 | 25,45 | 7,46 | 8,39 |
| Toekenning 2016² | 28,38 | - | 7,80 |
| Details van andere SAR-plannen per toekenning | Reële waarde per | Reële waarde per | |
|---|---|---|---|
| in € | Uitoefenprijs | 31 dec 2014 | 31 dec 2015 |
| Toekenning 2007 | 30,17 | 3,37 | 3,06 |
| Toekenning 2008 | 28,33 | 4,52 | 4,83 |
| Toekenning 2009 | 16,66 | 9,73 | 11,37 |
| Toekenning 2010 | 33,99 | 4,17 | 4,56 |
| Toekenning 2011 | 77,00 | 1,34 | 1,31 |
| Toekenning 2012 | 25,14 | 6,23 | 7,08 |
| Toekenning 2013 | 19,20 | 9,02 | 9,84 |
| Exceptionele toekenning 2013 | 21,45 | 9,11 | 9,93 |
| Toekenning 2014 | 25,38 | 7,08 | 7,84 |
| Toekenning 2015 | 26,06 | 7,05 | 7,96 |
| Toekenning 2016² | 26,38 | - | 8,01 |
Op 31 december 2015 bedroeg de totale verplichting voor de VS SAR-plannen € 0,9 miljoen (2014:
€ 0,8 miljoen), terwijl de totale verplichting voor andere SAR plannen € 1,1 miljoen bedroeg (2014: € 0,9 miljoen).
De Groep nam een totaal verlies van € 0,3 miljoen op (2014: verlies van € 0,2 miljoen) tijdens het jaar in verband met SARs.
1 Obligation Linéaire / Lineaire Obligatie
² De reële waarde van deze toekenning werd vastgesteld op de toekenningsdatum. Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.
Gedurende 2015 kende de Groep aan bepaalde werknemers in geldmiddelen afgewikkelde prestatieaandeeleenheden toe die de begunstigde het recht geven de waarde van de prestatieaandelen te ontvangen volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan 2015-2017. Deze prestatieaandeeleenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachttijd van drie jaar afhankelijk van het bereiken van vooraf vastgelegde prestatiedoelstellingen. De prestatiedoelstellingen werden vastgelegd door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de Groep.
In het kader van het op aandelen gebaseerde prestatieaandelenplan werd op 17 december 2015 een aanbod van 11 850 prestatieaandeeleenheden gedaan. De aangeboden eenheden vertegenwoordigen een reële waarde van € 0,5 miljoen.
Deze prestatieaandeeleenheden worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde aandelenoptieplannen (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants, aandelenopties en prestatieaandelen').
Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 28,39, verwachte volatiliteit van 39%, een verwacht dividend van 3,0%, een wachtperiode van 3 jaar en een uitstroom van personeel van 4%. De input voor de risicovrije rentevoet varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO's1 met een looptijd gelijk aan de looptijd van de bewuste SAR-toekenning.
De reële waarde van de uitstaande prestatieaandelen per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:
| Details van prestatieaandelenplannen per toekenning | Reële waarde per |
|---|---|
| in € | 31 dec 2015 |
| Toekenning 2015² | 38,29 |
Kortetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op verplichtingen voor verloning en sociale zekerheid die volledig betaalbaar zijn binnen de 12 maanden na het einde van de periode waarin werknemers de gerelateerde prestaties verrichten.
1 Obligation Linéaire / Lineaire Obligatie
² De reële waarde van deze toekenning werd vastgesteld op de toekenningsdatum. Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.
| Herstruc | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | turering | Geschillen | Milieu | Overige | Totaal |
| Per 1 januari 2015 | 5 789 | 5 216 | 33 089 | 32 143 | 76 237 |
| Bijkomende voorzieningen | 3 094 | 1 809 | 149 | 9 039 | 14 091 |
| Terugnemingen ongebruikte bedragen | -1 563 | -1 288 | -2 358 | -5 128 | -10 337 |
| Toename in contante waarde | - | - | - | 1 092 | 1 092 |
| Opgenomen in de winst-en | |||||
| verliesrekening | 1 531 | 521 | -2 209 | 5 003 | 4 846 |
| Eerste consolidatie | - | 1 200 | - | 3 602 | 4 802 |
| Uit consolidatie genomen | - | -87 | - | -20 | -107 |
| Aanwendingen van het jaar | -1 985 | -2 067 | -848 | -2 413 | -7 313 |
| Overdrachten | -78 | 1 297 | 78 | -2 403 | -1 106 |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | 9 | -173 | -181 | 157 | -188 |
| Per 31 december 2015 | 5 266 | 5 907 | 29 929 | 36 069 | 77 171 |
| Waarvan | |||||
| op ten hoogste een jaar | 2 403 | 2 341 | 3 040 | 19 189 | 26 973 |
| op meer dan 1 en ten hoogste 5 | |||||
| jaar | 2 863 | 3 236 | 6 415 | 9 303 | 21 817 |
| op meer dan vijf jaar | - | 330 | 20 474 | 7 577 | 28 381 |
De afname van de voorzieningen voor herstructuringen heeft voornamelijk betrekking op eerder aangekondigde programma's in België, daar waar de toename een gevolg is van de verdere integratie van de voormalige Pirellifabriek in Italië.
Voorzieningen voor geschillen houden in hoofdzaak verband met productkwaliteitsklachten en productgaranties in meerdere entiteiten.
Milieuvoorzieningen hebben voornamelijk betrekking op vestigingen in EMEA. De verwachte bodemsaneringskosten worden elk jaar opnieuw geschat. In 2015 heeft de belangrijkste daling betrekking op de productie-eenheid in Hlohovec (Slovakije) ten gevolge van een extern expertiserapport. Het is onzeker wanneer de kosten zullen gemaakt worden, want dit hangt vaak af van beslissingen inzake de bestemming van de sites.
De overige voorzieningen bevatten bankgaranties voor een dochteronderneming in Venezuela. In 2014 was een deel van deze voorziening opgenomen onder financiële schulden; in 2015 zijn bijkomende garanties opgenomen en het gehele bedrag is nu opgenomen als overige voorziening (€ 16,3 miljoen). Ten gevolge van de openingsbalans van de Pirelli-staalkoordfabrieken is een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor zegelrechten en pensioenverplichtingen voor onderaannemers. Een voorziening van € 8,3 miljoen met betrekking tot de put-optie voor een minderheidsbelang is in 2015 overgedragen vanuit verplichtingen voor derivaten. Bovendien bevatten de overige voorzieningen het effect van het langetermijn leveringscontract voor walsdraad met ArcelorMittal, dat verloopt in 2022, (€ 7,9 miljoen) en een voorziening voor belastingen (€ 2,4 miljoen) voor de staalkoordfabriek in Sumaré (Brazilië).
Hieronder volgt informatie over de contractuele vervaltermijnen van de rentedragende schulden van de Groep, zowel op ten hoogste een jaar als op meer dan een jaar:
| 2015 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Rentedragende schulden | ||||
| Financiële leasing | 219 | 3 545 | - | 3 764 |
| Kredietinstellingen | 288 289 | 163 737 | - | 452 026 |
| Obligatieleningen | 205 000 | 340 614 | - | 545 614 |
| Converteerbare obligatieleningen | 1 206 | 284 220 | - | 285 426 |
| Nettoboekwaarde | 494 714 | 792 116 | - | 1 286 830 |
| Waardeaanpassingen | - | - | - | - |
| Totaal financiële schulden | 494 714 | 792 116 | - | 1 286 830 |
| 2014 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Rentedragende schulden | ||||
| Financiële leasing | 76 | 513 | 959 | 1 548 |
| Kredietinstellingen | 341 293 | 84 353 | 508 | 426 154 |
| Obligatieleningen | 100 183 | 500 000 | 45 614 | 645 797 |
| Converteerbare obligatieleningen | - | 278 127 | - | 278 127 |
| Nettoboekwaarde | 441 552 | 862 993 | 47 081 | 1 351 626 |
| Waardeaanpassingen | 7 584 | - | - | 7 584 |
| Totaal financiële schulden | 449 136 | 862 993 | 47 081 | 1 359 210 |
De totale financiële schulden zijn licht gedaald. Er werden geen nieuwe obligatieleningen uitgegeven in 2015. In de loop van 2015 heeft de Groep meer actief gebruik gemaakt van kortetermijnkredietfaciliteiten (toegezegde kredietfaciliteiten, een factoring-programma en niet-toegezegde kredietlfaciliteiten).
In principe gaan entiteiten van de Groep leningen aan in hun lokale valuta om valutarisico's te vermijden. Als de financiering in een andere valuta gebeurt, zonder enige compenserende balanspositie, dekken de entiteiten het valutarisico af door middel van derivaten (cross-currency interest-rate swaps of termijnwisselcontracten). Obligatieleningen, commercial paper en schulden tegenover kredietinstellingen zijn niet gewaarborgd, met uitzondering van een factoring-programma dat opgezet is met KBC en BNP Paribas Fortis .
Voor meer informatie over het beheer van financiële risico's verwijzen wij naar toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
De nettoschuld houdt geen rekening met het derivaat dat de in de converteerbare obligatie besloten conversieoptie vertegenwoordigt (€ 5,8 miljoen tegenover € 7,9 miljoen in 2014). De volgende tabel geeft een overzicht van de berekening van de nettoschuld.
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| 910 074 Rentedragende schulden op meer dan een jaar |
792 116 |
| Waardeaanpassingen 7 584 |
- |
| 441 552 Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar |
494 714 |
| Totaal financiële schulden 1 359 210 |
1 286 830 |
| -19 551 Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar |
-9 694 |
| -13 998 Leningen op ten hoogste een jaar |
-33 185 |
| Geldbeleggingen -14 160 |
-10 216 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten -458 542 |
-401 771 |
| Nettoschuld 852 959 |
831 964 |
| Nettoboekwaarde in duizend € |
2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Overige schulden op meer dan een jaar | 815 | 820 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 7 921 | 14 384 |
| Totaal | 8 736 | 15 204 |
De derivaten hebben betrekking op het financieel instrument (€ 5,8 miljoen (2014: € 7,9 miljoen)) dat besloten zit in de converteerbare obligatielening die werd uitgegeven in de loop van 2014 (zie toelichtingen 6.17. en 7.3.) en de put-optie (€ 8,6 miljoen) op een minderheidsbelang die geherclassificeerd werd vanuit overige voorzieningen in 2015.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Overige verplichtingen | 5 849 | 4 453 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 49 240 | 22 236 |
| Ontvangen voorschotten | 5 106 | 3 137 |
| Overige belastingen | 34 303 | 28 117 |
| Overlopende rekeningen (passief) | 20 078 | 13 820 |
| Totaal 114 576 |
71 763 |
De derivaten bevatten termijnwisselcontracten (€ 4,5 miljoen (2014: € 7,6 miljoen)) en CCIRSs (€ 17,7 miljoen (2014: € 41,4 miljoen)). Overige belastingen hebben in hoofdzaak betrekking op BTW, afhoudingen op lonen en wedden en andere dan winstbelastingen. De toe te rekenen kosten in de overlopende rekeningen (passief) bestaan voornamelijk uit rentelasten op rentedragende schulden voor € 6,5 miljoen (2014: € 13,1 miljoen) en overige toe te rekenen kosten en verkregen opbrengsten voor € 7,3 miljoen (2014: € 7,0 miljoen).
| Samenvatting in duizend € |
2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 186 949 | 583 562 |
| Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten | -225 347 | -362 984 |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten | 87 945 | -267 808 |
| Toename of afname in geldmiddelen en kasequivalenten | 49 547 | -47 230 |
Het overzicht van de kasstromen uit bedrijfsactiviteitein is opgesteld volgens de indirecte methode, terwijl de directe methode gevolgd werd voor de kasstromen uit andere activiteiten. De directe methode is gericht op het classificeren van bruto contante ontvangsten en bruto contante betalingen per categorie.
Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten zijn toegenomen met € 94,6 miljoen, hoofdzakelijk dankzij verbeterde operationele prestaties aangezwengeld door recente bedrijfscombinaties. De toename in de posten zonder kasstroomeffect weerspiegelt voornamelijk hogere afschrijvingen en waardeverminderingen als gevolg van bedrijfscombinaties maar ook van verhoogde investeringen in materiële vaste activa. Negatieve goodwill in 2015 slaat op de gefaseerde overname van BOSFA Pty Ltd (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten') terwijl dit in 2014 betrekking had op de bedrijfscombinatie met ArcelorMittal in Costa Rica, Brazilië en Ecuador.
Investeringsposten opgenomen in het bedrijfsresultaat bestaan in 2015 voornamelijk uit winsten bij verkoop van activiteiten (vóór overboeking van gecumuleerde omrekeningsverschillen) met betrekking tot Carding Solutions en de Xinyu-entiteiten (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten'). In 2014 bestonden de voornaamste investeringsposten uit winsten uit de verkoop van terreinen en gebouwen in België en machines in Canada.
In 2015 droegen drastische verlagingen van het operationeel werkkapitaal in totaal voor € 212,3 miljoen bij tot de kasstromen uit bedrijfsactiviteiten (zie organische toename in toelichting 6.7 'Operationeel werkkapitaal'). Wat betreft de 'overige bedrijfskasstromen' hadden de bewegingen in overige vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar grotendeels te maken met de in 2014 geprovisioneerde, maar in 2015 ontvangen verzekeringsvergoedingen voor de brand in Rome.
Volgende tabel verschaft meer details in verband met geselecteerde bedrijfskasstromen:
| Details van geselecteerde bedrijfskasstromen | |
|---|---|
| 2014 in duizend € |
2015 |
| Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat | |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen1 164 610 |
208 401 |
| Bijzondere waardeverminderingen op activa 16 962 |
13 262 |
| Winst (-) of verlies bij gefaseerde overnames -1 804 |
1 098 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte | |
| bedragen 16 242 |
16 767 |
| Overige voorzieningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte bedragen -1 156 |
3 752 |
| Negatieve goodwill -10 893 |
-340 |
| CTA overgeboekt naar resultaat bij afstoten van activiteiten 1 041 |
393 |
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen 2 845 |
2 906 |
| Totaal 187 847 |
246 239 |
| Investeringsposten verwerkt in bedrijfsresultaat | |
| Winst (-) of verlies bij verkoop van activiteiten 122 |
-13 653 |
| Winst (-) of verlies bij verkoop van materiële vaste activa -8 179 |
102 |
| Totaal -8 057 |
-13 551 |
| Terugname gebruikte bedragen op voorzieningen voor personeelsbeloningen en | |
| overige voorzieningen | |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen: gebruikte bedragen -34 177 |
-33 493 |
| Overige voorzieningen: gebruikte bedragen -10 275 |
-7 314 |
| Totaal -44 452 |
-40 807 |
| Betaalde winstbelastingen | |
| Actuele winstbelastingen -57 276 |
-53 251 |
| Toename of afname (-) in nettoverplichtingen m.b.t. winstbelastingen 11 449 |
-3 406 |
| Totaal -45 827 |
-56 657 |
| Overige bedrijfskasstromen | |
| Bewegingen in overige vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar -20 228 |
12 748 |
| Overige 1 034 |
3 203 |
| Totaal -19 194 |
15 951 |
1 Inclusief € -8,3 miljoen (2014: € -4,4 miljoen) afwaarderingen en terugname van afwaarderingen op voorraden en handelsvorderingen (zie toelichting 6.7. 'Operationeel werkkapitaal').
De kasuitstromen voor nieuwe bedrijfscombinaties (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties en afgestoten activiteiten') bedroegen € -129,8 miljoen (2014: € -108,5 miljoen), en zijn voornamelijk toe te schrijven aan de finale fase van de overname van Pirelli's staalkoordfabrieken en Arrium's Ropes-activiteiten in 2015 en aan de eerste fase van Pirelli's staalkoordfabrieken in 2014. Andere verwervingen van deelnemingen bestonden in hoofdzaak uit verwervingen van minderheidsbelangen in bepaalde entiteiten waarin Bekaert haar eigen strategische koers wil varen. Investeringsprogramma's voor materiële vaste activa werden nog opgevoerd, vooral in Europa en Noord-Amerika, waar dit vooral te maken heeft met de wederopbouw van de hieldraadfabriek in Rome (Georgia, VS) die in 2014 vernield werd door een brand.
De hogere opbrengsten uit verkoop van materiële vaste activa in 2014 kwamen vooral voort uit de verkoop van terreinen en gebouwen in Aalter (België) en productie-uitrusting in Surrey (Canada).
Volgende tabel verschaft meer details in verband met geselecteerde investeringskasstromen:
| Details van geselecteerde investeringskasstromen | |
|---|---|
| 2014 in duizend € |
2015 |
| Overige portfolio-investeringen | |
| Aankoop van minderheidsbelangen in Carding Solutions-entiteiten -1 304 |
- |
| Aankoop van minderheidsbelangen in Ropes-entiteiten - |
-91 488 |
| Aankoop van minderheidsbelangen in Southern Wire-entiteiten - |
-5 270 |
| Aankoop van minderheidsbelangen in Chinese entiteiten - |
-12 700 |
| Aankoop van minderheidsbelangen in overige entiteiten -648 |
- |
| Overige investeringen -21 |
-101 |
| Totaal -1 973 |
-109 559 |
| Overige investeringskasstromen | |
| Inkomsten uit verkoop van immateriële activa - |
17 |
| Inkomsten uit verkoop van materiële vaste activa 15 846 |
3 789 |
| Totaal 15 846 |
3 806 |
De inkomsten uit rentedragende schulden op meer dan een jaar (€ 145,2 miljoen) slaan vooral op financieringstransacties in België, Chili, China en Australië, terwijl de uitgifte van een converteerbare obligatielening voor € 300 miljoen de belangrijkste financieringstransactie van 2014 uitmaakte. Aflossing van rentedragende schulden op meer dan een jaar (€ -127,9 miljoen) omvat in hoofdzaak de terugbetaling van een Eurobond uitgegeven door Bekaert Corporation in 2005, terwijl er in 2014 (€ -191,2 miljoen) een obligatielening van € 100 miljoen uitgegeven door NV Bekaert SA verviel en een deel van de langetermijnschuld omgezet werd in kortetermijnschuld. Terwijl er in 2014 aanzienlijke kasinstromen uit kortlopende rentedragende schuld waren, werden in 2015 grote bedragen terugbetaald, vooral in Brazilië, Chili, China, Nederland, Peru en Maleisië. Transacties in eigen aandelen (€ 1,2 miljoen) bleven in 2015 beperkt tot kasinstromen uit uitoefeningen van opties terwijl de nettokasuitstromen in 2014 (€ -72,1 miljoen) voortvloeiden uit terugkoopprogramma's voor aandelen. Deelname van minderheidsaandeelhouders in kapitaalverhoging in 2015 (€ 15,0 miljoen) omvat vooral bijdragen van de Chileense partners in de Ropes-entiteiten in Australië en de VS vooraleer de Groep hun participaties opnieuw inkocht om de volledige controle over de Ropes-activiteiten te nemen tegen het jaareinde.
Volgende tabel verschaft meer details in verband met geselecteerde financieringskasstromen:
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Overige financieringsstromen | ||
| Nieuwe aandelen uitgegeven voor uitgeoefende warrants | 779 | 234 |
| Deelname van minderheidsaandeelhouders in kapitaalverhoging | 4 222 | 14 967 |
| Toename (-) of afname van kort- en langlopende leningen en financiële vorderingen | -8 776 | 2 041 |
| Toename (-) of afname van financiële activa op ten hoogste een jaar | -2 896 | 9 616 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | -11 548 | -16 437 |
| Totaal | -18 219 | 10 421 |
Kasstromen met betrekking tot leningen en financiële vorderingen omvatten voornamelijk bewegingen in kaswaarborgen, terwijl kasstromen met betrekking tot financiële activa op ten hoogste een jaar slaan op geldbeleggingen. Overige financiële opbrengsten en lasten omvatten bankkosten en belastingheffingen op financiële transacties.
Op 28 februari 2014 maakte Bekaert bekend dat het een overeenkomst getekend had met Pirelli, de globale bandenproducent, voor de overname van Pirelli's staalkoordactiviteiten met een totale ondernemingswaarde van € 255 miljoen. De overnameovereenkomst omvat Pirelli's productievestigingen in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië), Izmit (Turkije), Yanzhou (China) en Sumaré (Brazilië). Er wordt verwacht dat de acquisitie ongeveer € 300 miljoen op jaarbasis zal toevoegen aan de geconsolideerde omzet van Bekaert.
Op 18 december 2014 hebben Bekaert en Pirelli de overname door Bekaert van staalkoordfabrieken van Pirelli in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië) en Sumaré (Brazilië) succesvol afgerond. Omwille van vertragingen in het bekomen van de wettelijke goedkeuringen kon de overname van de Pirelli-fabrieken in Turkije en China niet meer afgerond worden voor jaareinde 2014. Op 5 februari 2015 rondde Bekaert de overname van de Pirellistaalkoordvestiging in Izmit (Turkije) af en op 27 Maart 2015 werd de overname van de Pirelli-staalkoordvestiging in Yanzhou (provincie Shandong, China) gefinaliseerd. Bekaert heeft nu 100% van de aandelen in de Pirellistaalkoordfabrieken in Italië, Brazilië en Turkije, nl. (onder hun nieuwe naam):
Het heeft 80% van de aandelen in de Pirelli-staalkoordfabrieken in Roemenië en China, nl. (onder hun nieuwe naam):
Als onderdeel van deze transactie sloten Bekaert en Pirelli een langetermijncontract af voor de levering van staalkoord aan Pirelli.
De initiële verwerking van deze bedrijfscombinatie die in het vorig jaarverslag werd gepresenteerd, was uiteraard gedeeltelijk en voorlopig, aangezien de zeggenschap slechts in drie van de vijf beoogde fabrieken verworven werd en dat kort voor jaareinde. Nu dat de bedrijfscombinatie volledig afgerond werd, heeft Bekaert een uitgebreide analyse gemaakt teneinde de verworven activa en overgenomen passiva te identificeren en hun reële waarde te evalueren.
De reëlewaardebepaling van de materiële vaste activa is op externe evaluaties gebaseerd voor wat betreft terreinen en gebouwen en op interne evaluaties voor wat betreft installaties, machines en uitrusting. Uitgestelde belastingsvorderingen en –verplichtingen die ontstaan uit één van deze aanpassingen werden opgenomen tegen de in de betrokken rechtsgebieden toepasselijke belastingvoeten.
De minderheidsbelangen die in de overgenomen entiteiten ontstaan, werden gewaardeerd tegen hun aandeel in de reële waarde van de verworven nettoactiva. De verwerking van de bedrijfscombinatie resulteerde in een goodwill van € 4,3 miljoen, die voornamelijk het belang van deze transactie voor Bekaert weerspiegelt om zijn globale concurrentiepositie te verstevigen.
De tabel hieronder geeft een overzicht van de verworven nettoactiva per balanspost, het effect van reëlewaardeaanpassingen volgens IFRS 3, 'Bedrijfscombinaties' en de goodwillberekening voor de volledige transactie, met inbegrip van het deel dat vorig jaar afgewikkeld werd.
De positieve reëlewaarde-aanpassingen op materiële vaste activa hebben voornamelijk betrekking op de terreinen en gebouwen in Brazilië (€ 23,0 miljoen) en Turkije (€ 22,2 miljoen), aangezien deze fabrieken gevestigd zijn op premium industriële locaties. Deze positieve aanpassingen worden deels gecompenseerd door de negatieve reëlewaarde-aanpasingen op terreinen en gebouwen op de andere locaties (€ -3,8 miljoen, voornamelijk in China) en op installaties, machines en uitrusting (€ -7,1 miljoen). De positieve reëlewaardeaanpassingen op voorraden weerspiegelen vooral de capitalisatie van grond- en hulpstoffen en wisselstukken, die direct in kost opgenomen waren in de grondslagen voor financiële verslaggeving van Pirelli en de te realiseren marge op de latere verkoop van goederen in bewerking en gereed product.
Er werd een voorwaardelijke verplichting van € 4,1 miljoen opgenomen met betrekking tot indirecte belastingen in Roemenië en Turkije.
| Totaal | Boekwaarde vóór | Reëlewaarde | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | overname | aanpassingen | Reële waarde |
| Immateriële activa | 5 882 | - | 5 882 |
| Materiële vaste activa | 136 072 | 34 848 | 170 920 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 4 969 | 5 600 | 10 569 |
| Leningen en vorderingen op meer dan een jaar | 629 | - | 629 |
| Overige vaste activa | 92 | - | 92 |
| Voorraden | 32 376 | 7 923 | 40 299 |
| Handelsvorderingen | 107 777 | - | 107 777 |
| Betaalde voorschotten | 4 033 | - | 4 033 |
| Overige vorderingen | 9 353 | 2 | 9 355 |
| Geldbeleggingen | 5 857 | - | 5 857 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 8 365 | - | 8 365 |
| Leningen en vorderingen op ten hoogste een jaar | 4 230 | - | 4 230 |
| Overige vlottende activa | 1 683 | -154 | 1 529 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen op meer | |||
| dan een jaar | -12 485 | -60 | -12 545 |
| Overige voorzieningen op meer dan een jaar | -7 542 | -1 558 | -9 100 |
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | -17 733 | - | -17 733 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -3 425 | -11 967 | -15 392 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | -61 969 | - | -61 969 |
| Handelsschulden | -49 062 | 124 | -48 938 |
| Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar | -5 581 | - | -5 581 |
| Overige voorzieningen op ten hoogste een jaar | -24 | - | -24 |
| Verplichtingen m.b.t. winstbelastingen | -1 668 | -728 | -2 396 |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | -6 678 | -1 500 | -8 178 |
| Totaal van de nettoactiva verworven in een | |||
| bedrijfscombinatie | 155 151 | 32 530 | 187 681 |
| Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen | |||
| entiteiten | -13 929 | 3 001 | -10 928 |
| Goodwill | 4 255 | ||
| Betaalde overnamevergoeding | -181 008 | ||
| Verworven geldmiddelen | 8 365 | - | 8 365 |
| Nieuwe bedrijfscombinaties | - | - | -172 643 |
Hierna wordt de verwerking van de bedrijfscombinatie nog eens samengevat per periode:
| Totaal in duizend € |
Totalen voor de volledige bedrijfs combinatie |
Samenvatting toelichting verschaft per jaareinde 2014 |
Effecten opgenomen in 2015 |
|---|---|---|---|
| Totaal van de nettoactiva verworven in een | |||
| bedrijfscombinatie | 187 681 | 119 066 | 68 615 |
| Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen | |||
| entiteiten | -10 928 | -9 197 | -1 731 |
| Goodwill | 4 255 | 713 | 3 542 |
| Betaalde overnamevergoeding | -181 008 | -110 582 | -70 426 |
| Verworven geldmiddelen | 8 365 | 1 103 | 7 262 |
| Nieuwe bedrijfscombinaties | -172 643 | -109 479 | -63 164 |
Tevens verklaart dit de bijdrage van de bedrijfscombinatie tot het bedrag dat als 'nieuwe bedrijfscombinaties' getoond wordt in het geconsolideerd kasstroomoverzicht per periode. De in 2014 betaalde overnamevergoeding bedroeg in totaal € 110,6 miljoen en werd afgewikkeld in cash. Na aftrek van de verworven geldmiddelen en kasequivalenten bedroeg de nettokasstroom € -109,5 miljoen. In december 2014 betaalde Bekaert aan Pirelli ook € 15,0 miljoen voor de overname van intellectuele eigendom, voornamelijk productie-knowhow en patenten die opgenomen werden als immateriële vaste activa en voortaan worden afgeschreven over 10 jaar. In de loop van 2015 werd een bijkomend bedrag van € 70,4 miljoen betaald in cash. Dit bedrag dekt zowel de overnamevergoeding van de twee fabrieken die in die periode verworven werden als de aanpassingen van de overnamevergoeding ten gevolge van de afwijkingen van het beoogde werkkapitaal- en schuldniveau. Na aftrek van de verworven geldmiddelen en kasequivalenten bedroeg de nettokasstroom voor de periode € -63,2 miljoen.
De volgende tabel toont het effect van de bedrijfscombinatie op de geconsolideerde omzet en op het perioderesultaat (na kosten in verband met de overname):
| Totaal | Omzet voor de | |
|---|---|---|
| in duizend € | periode | Perioderesultaat |
| Totaal van de 5 overgenomen entiteiten | 258 542 | 15 514 |
De kosten in verband met de overname, die voornamelijk bestonden uit honoraria voor consultants, bedroegen € 4,8 miljoen (waarvan € 0,6 miljoen opgenomen in 2015) en werden opgenomen in administratieve kosten. Mochten alle vijf entiteiten overgenomen zijn op 1 januari 2015, zou de Groep bijkomend een omzet van € 10,6 miljoen en een perioderesultaat van € 0,7 miljoen gerapporteerd hebben.
Op 5 februari 2015 maakte Bekaert bekend dat het een overeenkomst getekend had met Arrium Ltd uit Australië voor de overname van hun staalkabelactiviteiten voor een ondernemingswaarde van ongeveer € 60 miljoen. De overeenkomst heeft betrekking op het personeel en de activa van de business gevestigd in Newcastle, Australië. Er wordt verwacht dat de acquisitie € 40 miljoen op jaarbasis zal toevoegen aan de geconsolideerde omzet van Bekaert.
Op 1 maart 2015 rondde Bekaert de overname van de kabelactiviteiten van Arrium in Australië succesvol af. De Australische entiteit werd hernoemd als Bekaert Wire Ropes Pty Ltd en behoort tot de 'Bekaert Rope Group' waarin Bekaert en zijn Chileense partners (via Matco Cables SpA) respectievelijk 65% en 35% bezitten van de staalkabelfabrieken in Canada, Chili, Peru, Brazilië, de VS en Australië. Met deze transactie bevestigt Bekaert zijn strategie om het staalkabelactiviteitenplatform uit te breiden met het oog op levering van hoogperformante kabels aan de mijnbouw, de olie- en gassector, hijsuitrusting- en infrastructuurmarkten. De strategie van het platform streeft zowel organische groei na als overnames in markten met interessant groeipotentieel waarin Bekaert zich kan onderscheiden omwille van zijn kerncompetenties, globale aanwezigheid en servicemodel.
De verwerking van de bedrijfscombinatie resulteerde in een goodwill van € 13,2 miljoen, die in hoofdzaak de weerspiegeling is van de verwachte synergieën bij de integratie van de Australische activiteiten in het gestaag groeiende globale kabelactiviteitenplatform van Bekaert. Omdat Bekaert geopteerd heeft om de full goodwillmethode niet toe te passen, werd slechts 65% van de volledige goodwill opgenomen, terwijl 35% verwerkt werd als een vermindering van de minderheidsbelangen in hoofde van de Chileense partners. Het feit dat Bekaert vervolgens in december het minderheidsbelang van 35% in hoofde van de Chileense partners heeft teruggekocht, heeft geen gevolgen voor het bedrag opgenomen aan goodwill. De volgende tabel geeft een overzicht van de verworven nettoactiva per balanspost, het effect van reëlewaarde-aanpassingen volgens IFRS 3, 'Bedrijfscombinaties' en de goodwillberekening.
| Totaal | Boekwaarde vóór | Reëlewaarde | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | overname | aanpassingen | Reële waarde |
| Immateriële activa | 258 | 1 556 | 1 814 |
| Materiële vaste activa | 21 019 | 11 820 | 32 839 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 573 | 68 | 641 |
| Voorraden | 7 604 | 1 160 | 8 764 |
| Handelsvorderingen | 5 509 | -14 | 5 495 |
| Overige vlottende activa | 123 | - | 123 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen op meer | |||
| dan een jaar | -783 | -227 | -1 010 |
| Handelsschulden | -1 537 | - | -1 537 |
| Ontvangen voorschotten | -320 | - | -320 |
| Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar | -1 126 | - | -1 126 |
| Overige voorzieningen op ten hoogste een jaar | -15 | -109 | -124 |
| Totaal van de nettoactiva verworven in een | |||
| bedrijfscombinatie | 31 305 | 14 254 | 45 559 |
| Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen | |||
| entiteiten | - | - | 7 086 |
| Goodwill | 13 160 | ||
| Betaalde overnamevergoeding | -65 805 | ||
| Verworven geldmiddelen | - | - | - |
| Nieuwe bedrijfscombinaties | -65 805 |
Als gevolg van de overnameprijstoewijzing werden de overgenomen patenten en handelsmerken gewaardeerd op €1,6 miljoen en opgenomen als immateriële vaste activa. De reëlewaardebepaling van de materiële vaste activa is op externe evaluaties gebaseerd voor wat betreft terreinen en gebouwen en op interne evaluaties voor wat betreft installaties, machines en uitrusting. De positieve reëlewaarde-aanpassingen op materiële vaste activa bestonden uit € 3,8 miljoen voor terreinen en gebouwen en € 8,0 miljoen voor installaties, machines en uitrusting. De positieve reëlewaarde-aanpassingen op voorraden weerspiegelen vooral de te realiseren marge op de latere verkoop van de goederen in bewerking en gereed product. Een actuariële waardering van de voorzieningen voor personeelsbeloningen gaf aanleiding tot een toename met € 0,2 miljoen. Er werd een voorwaardelijke verplichting van € 0,1 miljoen opgenomen met betrekking tot productgaranties. De gevolgen van alle reëlewaardeaanpassingen op het vlak van uitgestelde belastingen bleven eerder beperkt (€ 0,1 miljoen bijkomende vorderingen).
De bedrijfscombinatie vergde een nettokasstroom van € -65,8 miljoen die vervat zit in het bedrag data ls 'nieuwe bedrijfscombinaties' getoond wordt in het geconsolideerd kasstroomoverzicht.
De volgende tabel toont het effect van de bedrijfscombinatie op de geconsolideerde omzet en op het perioderesultaat (na kosten in verband met de overname):
| in duizend € | Datum van overname |
Omzet voor de periode |
Perioderesultaat |
|---|---|---|---|
| Totaal voor verworven bedrijf Bekaert Wire Ropes Pty Ltd |
1 maart 2015 | 31 509 | -2 390 |
De kosten in verband met de overname bedroegen € 3,6 miljoen, waarvan € 3,2 miljoen zegelrechten opgenomen in overige financiële lasten en € 0,4 miljoen honoraria voor consultants en andere uitgaven opgenomen in administratieve kosten. Mocht de entiteit overgenomen zijn op 1 januari 2015, dan zou de Groep bijkomend € 7,3 miljoen omzet en € 1,0 miljoen perioderesultaat gerapporteerd hebben.
Op 12 juni 2015 verwierf Bekaert de zeggenschap in BOSFA Pty Ltd (Australië), een verdeler van bouwproducten in hoofdzaak voor Australië en Nieuw-Zeeland, door de resterende 50% van de aandelen over te nemen van Arrium Ltd of Australia voor een bedrag van € 2,3 miljoen. Tot op die datum werd de entiteit geclassificeerd als een joint venture en verwerkt volgens de equity-methode. Overeenkomstig de IFRS-vereisten voor een gefaseerde overname werd het belang dat de Groep voorheen had in de joint venture geherwaardeerd tegen de reële waarde op basis van de overnameprijs voor de resterende 50%, wat resulteerde in de opname van een verlies op de gefaseerde overname van € 1,1 miljoen in eenmalige opbrengsten en kosten. Verder genereerde de transactie een negatieve goodwill van € 0,3 miljoen, gecompenseerd door een verlies van € 0,3 miljoen bij de overboeking van gecumuleerde omrekeningsverschillen; al deze elementen werden opgenomen in eenmalige opbrengsten en kosten. De volgende tabel geeft een overzicht van de verworven nettoactiva per balanspost, het effect van de toegepaste reëlewaardeaanpassingen volgens IFRS 3, 'Bedrijfscombinaties' en de goodwillberekening.
| Totaal | Boekwaarde vóór | Reëlewaarde | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | overname | aanpassingen | Reële waarde |
| Materiële vaste activa | 34 | - | 34 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 2 391 | -2 388 | 3 |
| Voorraden | 5 332 | 774 | 6 106 |
| Handelsvorderingen | 4 092 | -11 | 4 081 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 1 476 | - | 1 476 |
| Leningen en vorderingen op ten hoogste een jaar | 26 | - | 26 |
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | -1 402 | - | -1 402 |
| Overige verplichtingen op meer dan een jaar | -674 | - | -674 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 48 | -232 | -184 |
| Handelsschulden | -4 079 | - | -4 079 |
| Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar | -218 | - | -218 |
| Verplichtingen m.b.t. winstbelastingen | -85 | - | -85 |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | -69 | - | -69 |
| Totaal van de nettoactiva verworven in een | |||
| bedrijfscombinatie | 6 872 | -1 857 | 5 015 |
| Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen | |||
| entiteiten | -3 436 | 1 098 | -2 338 |
| Negatieve goodwill | - | - | -340 |
| Betaalde overnamevergoeding | - | - | -2 337 |
| Verworven geldmiddelen | 1 476 | - | 1 476 |
| Nieuwe bedrijfscombinaties | - | - | -861 |
De voornaamste reëlewaardeaanpassingen hadden betrekking op de afboeking van de uitgestelde belastingvorderingen (€ -2,4 miljoen) voorheen opgenomen op overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen die inmiddels vervallen zijn, en op voorraden (€ +0,8 miljoen) die geherwaardeerd werden tegen de verkoopprijs min de verkoopkosten. De volgende tabel toont het effect van de bedrijfscombinatie op de geconsolideerde omzet en het geconsolideerd perioderesultaat. Het perioderesultaat houdt rekening met de negatieve goodwill (€ 0,3 miljoen), het verlies op de gefaseerde overname van € 1,1 miljoen en het verlies van € 0,3 miljoen op de overboeking van gecumuleerde omrekeningverschillen op de overnamedatum. Er werden geen noemenswaardige kosten opgelopen bij deze deal, die bijkomend afgesloten werd bij de overname van Arrium's Ropesactiviteiten in Australië.
| Totaal | Datum van | Omzet voor de | Perioderesultaat |
|---|---|---|---|
| in duizend € | overname | periode | |
| BOSFA Pty Ltd. | 12 juni 2015 | 2 847 | -1 204 |
Mocht de entiteit overgenomen zijn op 1 januari 2015, dan zou de Groep bijkomend € 2,4 miljoen omzet en € 0,1 miljoen perioderesultaat gerapporteerd hebben.
Op 7 mei 2015 verkocht Bekaert haar Carding Solutions-activiteiten aan Groz-Beckert, een globale onderneming met hoofdzetel in Albstadt, Duitsland. De transactie omvat de productievestigingen van Carding Solutions in België, India, Turkije, China en de VS en het wereldwijde verkoop- en dienstennetwerk. Daarbij werd een transactiewinst van € 11,8 miljoen opgenomen in eenmalige opbrengsten en kosten, alsook een verlies van € 2,3 miljoen op overboeking van gecumuleerde omrekeningsverschillen. De tabel hieronder toont de afgestane nettoactiva per balansrubriek, de opgenomen transactiewinst en de opbrengst die opgenomen werd in het geconsolideerd kasstroomoverzicht. De overige afstotingen houden verband met volgende gebeurtenissen:
| Totaal in duizend € |
Overige Carding activiteiten afstotingen |
Totaal afstotingen |
|
|---|---|---|---|
| Immateriële vaste activa | 4 | 2 167 | 2 171 |
| Materiële vaste activa | 10 890 | 26 170 | 37 060 |
| Deelnemingen | - | 2 069 | 2 069 |
| Overige vaste activa | 29 | - | 29 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 132 | 1 781 | 1 913 |
| Voorraden | 7 361 | 1 028 | 8 389 |
| Handelsvorderingen Betaalde voorschotten |
4 060 79 |
2 810 190 |
6 870 269 |
| Overige vorderingen | 519 | 2 646 | 3 165 |
| Short-term deposits | 6 | - | 6 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 1 118 | 381 | 1 499 |
| Overige vlottende activa | 72 | -25 508 | -25 436 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | -88 | - | -88 |
| Overige voorzieningen | -106 | - | -106 |
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | -1 158 | - | -1 158 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -212 | - | -212 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | -16 203 | - | -16 203 |
| Handelsschulden | -2 430 | -3 250 | -5 680 |
| Ontvangen voorschotten | -335 | - | -335 |
| Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar | -894 | -500 | -1 394 |
| Overige voorzieningen op ten hoogste een jaar | -1 | - | -1 |
| Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen | -16 | -73 | -89 |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | -302 | -5 | -307 |
| Totaal afgestoten nettoactiva | 2 525 | 9 906 | 12 431 |
| Winst of verlies (-) bij verkoop van activiteiten | 9 547 | 4 119 | 13 666 |
| Winst of verlies (-) bij verkoop van niet | |||
| geconsolideerde deelnemingen | - | -76 | -76 |
| CTA overgeboekt naar resultaat bij verkoop (zonder | |||
| kasstroomeffect) | 2 292 | -3 837 | -1 545 |
| Reële waarde van de weerhouden participatie | - | -8 007 | -8 007 |
| Afgestane geldmiddelen | -1 118 | -381 | -1 499 |
| Opbrengsten uit afgestane minderheidsbelangen | |||
| opgenomen in eigen vermogen | - | -1 959 | -1 959 |
| Uitgestelde betalingen | - | 17 750 | 17 750 |
| Inkomsten uit verkoop van deelnemingen | 13 246 | 17 515 | 30 761 |
Als gevolg van de deconsolidatie van Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd werd haar kortetermijnschuld van € 25,5 miljoen tegenover de Groep niet langer geëlimineerd in consolidatie, maar ontstaat nu een financiële vordering tegenover derden in consolidatie. Hieronder volgt de bijdrage van de afgestoten activiteiten tot de geconsolideerde omzet en het geconsolideerd perioderesultaat (met uitzondering van het resultaat op de verkoop van activiteiten) :
| Omzet voor de | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | Datum van verkoop | periode | Perioderesultaat |
| Carding activiteiten | 7 mei 2015 | 9 558 | -564 |
| Bekaert (Xinyu ) New Materials Co Ltd | 1 april 2015 | 2 753 | -5 295 |
| Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd | 1 april 2015 | - | -1 587 |
De Groep is blootgesteld aan risico's als gevolg van bewegingen in wisselkoersen, rentevoeten en marktprijzen die haar activa en verplichtingen beïnvloeden. Het financieel risicobeheer van de Groep heeft tot doel om de effecten van deze marktrisico's als gevolg van haar operationele en financiële activiteiten te beperken. Naargelang het ingeschatte risico worden daartoe welbepaalde derivaten als afdekkingsinstrumenten ingezet. De Groep dekt voornamelijk risico's af die de kasstromen beïnvloeden. Derivaten worden enkel gebruikt als afdekkingsinstrument en niet voor handels- of speculatieve doeleinden. Om het kredietrisico te beperken, worden afdekkingstransacties over het algemeen enkel aangegaan met financiële instellingen die tenminste een Akredietscore hebben.
De richtlijnen en principes van het financieel risicobeheer van Bekaert worden vastgelegd door het Audit en Finance Comité en gecontroleerd door de Raad van Bestuur van de Groep. De Groepsdienst Thesaurie is verantwoordelijk voor de implementatie van het financieel risicobeleid. Dit houdt in dat gepaste richtlijnen worden gedefinieerd en effectieve controle- en verslaggevingsprocedures worden ingezet. Het Audit en Finance Comité wordt geregeld geïnformeerd over de blootstelling aan valuta- en renterisico's.
Het valutarisico van de Groep kan opgedeeld worden in twee categorieën: valutatranslatierisico en valutatransactierisico.
Een valutatranslatierisico ontstaat wanneer de financiële gegevens van buitenlandse dochterondernemingen omgezet worden naar de presentatievaluta van de Groep, de euro. De voornaamste valuta's zijn de Chinese renminbi, de US dollar, de Tsjechische kroon, de Braziliaanse real, de Chileense peso, de Russische roebel, de Indische roepie en de Venezolaanse bolivar (cf. gecumuleerde omrekeningsverschillen in toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). Aangezien er geen kasstroomeffect is, dekt de Groep dit risico gewoonlijk niet af.
De Groep is blootgesteld aan valutatransactierisico's die voortvloeien uit haar investerings-, financierings- en bedrijfsactiviteiten.
Valutarisico's op het vlak van investeringen ontstaan uit de overname of de verkoop van deelnemingen in buitenlandse vennootschappen, en soms ook uit te ontvangen dividenden vanuit buitenlandse deelnemingen. Indien materieel geacht, worden deze risico's afgedekt door middel van termijnwisselcontracten.
Valutarisico's op het vlak van financiering ontstaan uit financiële verplichtingen in vreemde valuta's. De Groepsdienst Thesaurie dekt deze risico's af in overeenstemming met haar beleidsrichtlijnen en maakt hiervoor gebruik van cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om financiële verplichtingen in vreemde valuta's om te zetten naar de functionele valuta van de betrokken entiteit. Op de verslagdatum bestonden de verplichtingen in vreemde valuta waarvoor het valutarisico werd afgedekt voornamelijk uit intragroepsleingen in euro en US dollar.
Valutarisico's in het kader van bedrijfsactiviteiten vloeien voort uit commerciële activiteiten met aan- en verkopen in vreemde valuta, alsook betalingen en ontvangsten van royalty's. De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om het valutarisico op de verwachte kasinstromen en kasuitstromen voor de volgende drie maanden te beperken. Belangrijke blootstellingen en vaststaande toezeggingen buiten dit tijdskader kunnen ook afgedekt worden.
Volgende tabel geeft een samenvatting van de nettoposities van de Groep voor de belangrijkste valutaparen met betrekking tot bedrijfs-, investerings- en financiële vorderingen en schulden in vreemde valuta op de verslagdatum. De nettoposities van de valuta zijn vóór eliminaties van intragroepsverrichtingen. Een positief bedrag betekent dat de Groep een nettovordering heeft in de eerste valuta. In de tabel vertegenwoordigt de kolom 'Totaal risico' de balanspositie, terwijl de kolom 'Totaal derivaten' alle derivaten omvat ter afdekking van zowel de balanspositie als de verwachte transacties.
| in duizend € | Totaal risico | Totaal derivaten | Nettopositie |
|---|---|---|---|
| CNY/EUR | 15 702 | -4 249 | 11 453 |
| CZK/EUR | -12 100 | 4 165 | -7 935 |
| EUR/CNY | -66 349 | 65 723 | -626 |
| EUR/USD | 28 305 | -30 000 | -1 695 |
| IDR/USD | 9 222 | - | 9 222 |
| USD/BRL | -8 120 | - | -8 120 |
| USD/CAD | 12 680 | -3 572 | 9 108 |
| USD/CLP | 74 670 | - | 74 670 |
| USD/CNY | -244 088 | 215 519 | -28 569 |
| USD/EUR | 461 769 | -485 210 | -23 441 |
| USD/INR | -63 897 | 47 511 | -16 386 |
| USD/SGD | -24 298 | - | -24 298 |
| in duizend € | Totaal risico | Totaal derivaten | Nettopositie |
|---|---|---|---|
| CAD/USD | 11 857 | -9 244 | 2 613 |
| CNY/EUR | 17 597 | - | 17 597 |
| EUR/CNY | -120 251 | 109 186 | -11 065 |
| EUR/CZK | 6 577 | -5 083 | 1 494 |
| EUR/USD | 28 311 | -30 000 | -1 689 |
| USD/CAD | 8 157 | - | 8 157 |
| USD/CLP | 5 336 | - | 5 336 |
| USD/CNY | -231 604 | 221 845 | -9 759 |
| USD/COP | -8 267 | 18 638 | 10 371 |
| USD/EUR | 417 977 | -435 768 | -17 791 |
| USD/INR | -56 123 | 52 269 | -3 854 |
| USD/MYR | -9 568 | - | -9 568 |
Indien de valuta's verzwakt of versterkt waren met de redelijkerwijs mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou het perioderesultaat vóór belastingen € 1,6 miljoen (2014: € 1,5 miljoen) lager respectievelijk hoger geweest zijn. De redelijkerwijs mogelijke schommelingen die gebruikt worden in deze berekening, zijn gebaseerd op de volatiliteit op jaarbasis met betrekking tot de dagelijkse wisselkoersbewegingen gedurende de verslagperiode, met een betrouwbaarheidsinterval van 95%.
De Groep maakt niet langer gebruik van hedge accounting per 31 december 2015. Per vorig jaareinde maakten bepaalde derivaten ook deel uit van effectieve kasstroomafdekkingen om het valutarisico af te dekken met betrekking tot de Euro-obligatielening uitgegeven in 2005 en vervallen in maart 2015. Vorig jaar wees de sensitiviteitsanalyse uit dat, indien de euro verzwakt of versterkt was met de redelijkerwijs mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, de afdekkingsreserve in het eigen vermogen € 0,04 miljoen hoger resp. lager zou geweest zijn op jaareinde 2014.
De Groep is onderworpen aan renterisico en dit voornamelijk op schulden in US dollar, Chinese renminbi en euro. Om het effect van rentevoetfluctuaties in deze regio's te minimaliseren, wordt het renterisico op de nettoschuld uitgedrukt in deze valuta's afzonderlijk beheerd. De volgende algemene richtlijnen worden toegepast om het renterisico af te dekken:
De Groepsdienst Thesaurie gebruikt interest-rate swaps en cross-currency interest-rate swaps om ervoor te zorgen dat de vaste/variabele renteverhouding van langlopende schulden binnen de limieten blijft.
Het volgende overzicht toont de gewogen gemiddelde rentevoeten op balansdatum.
| Lange termijn | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | Korte | |||
| 2015 | rentevoet | rentevoet | Totaal | termijn | Totaal |
| US dollar | 4,63% | - | 4,63% | 1,27% | 1,35% |
| Chinese renminbi | 5,81% | - | 5,81% | 3,24% | 5,65% |
| Euro | 2,99% | - | 2,99% | 0,53% | 2,90% |
| Overige | 7,34% | 3,00% | 7,16% | 4,75% | 5,58% |
| Totaal | 3,41% | 3,00% | 3,41% | 1,82% | 2,80% |
| Lange termijn | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | Korte | |||
| 2014 | rentevoet | rentevoet | Totaal | termijn | Totaal |
| US dollar | 5,24% | - | 5,24% | 1,11% | 1,88% |
| Chinese renminbi | 5,76% | - | 5,76% | 4,73% | 5,33% |
| Euro | 3,16% | - | 3,16% | 0,33% | 3,06% |
| Overige | 8,41% | 3,00% | 8,05% | 5,53% | 6,09% |
| Totaal | 3,67% | 3,00% | 3,67% | 2,01% | 3,01% |
Zoals vermeld in toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden' bedroeg de totale financiële schuld van de Groep € 1 286,8 miljoen op 31 december 2015 (2014: € 1 359,2 miljoen). De volgende tabel toont het valutakoers- en renteprofiel, d.i. de procentuele verdeling van de totale financiële schuld per munt en per type van rentevoet (vast, vlottend).
| Valutakoers- en renteprofiel | Lange termijn | Korte termijn | ||
|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | vlottende | ||
| 2015 | rentevoet | rentevoet | rentevoet | Totaal |
| US dollar | 0,70% | - | 29,70% | 30,40% |
| Chinese renminbi | 3,80% | - | 0,20% | 4,00% |
| Euro | 53,90% | - | 2,00% | 55,90% |
| Overige | 3,20% | 0,10% | 6,30% | 9,60% |
| Totaal | 61,70% | 0,10% | 38,20% | 100,00% |
| Valutakoers- en renteprofiel | Lange termijn | Korte termijn | ||
|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | vlottende | ||
| 2014 | rentevoet | rentevoet | rentevoet | Totaal |
| US dollar | 6,70% | - | 29,70% | 36,40% |
| Chinese renminbi | 2,80% | - | 2,00% | 4,80% |
| Euro | 48,40% | - | 1,70% | 50,10% |
| Overige | 1,80% | 0,20% | 6,70% | 8,70% |
| Totaal | 59,70% | 0,20% | 40,10% | 100,00% |
De volgende tabel toont voor de belangrijkste valuta's de redelijkerwijs mogelijke schommelingen met een 95% betrouwbaarheidsinterval; de cijfers zijn gebaseerd op de volatiliteit op jaarbasis van de dagelijkse noteringen van de Interbank Offered Rate op 3 maanden in 2015 en 2014.
| Valuta | Rentevoet per 31 dec 2015 |
Redelijkerwijs mogelijke schommelingen (+/-) |
|---|---|---|
| Chinese renminbi1 | 2,41% | 0,40% |
| Euro | 0,00% | 0,03% |
| US dollar | 0,61% | 0,19% |
| Valuta | Rentevoet per 31 dec 2014 |
Redelijkerwijs mogelijke schommelingen (+/-) |
| Chinese renminbi1 | 3,75% | 0,62% |
1Voor de Chinese renminbi werd de PBOC –referentievoet voor leningen op hoogstens 6 maand genomen.
Indien we de geschatte mogelijke renteschommelingen toepassen op de schuld met vlottende rentevoet – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou het perioderesultaat vóór belastingen € 0,8 miljoen (2014: € 0,7 miljoen) hoger/lager geweest zijn.
Euro 0,08% 0,06% US dollar 0,26% 0,04%
De Groep maakt geen gebruik van hedge accounting per 31 december 2015. Per vorig jaareinde maakten bepaalde derivaten ook deel uit van effectieve kasstroomafdekkingen om het valutarisico af te dekken met betrekking tot de Euro-obligatielening uitgegeven in 2005 en vervallen in maart 2015. Vorig jaar wees de sensitiviteitsanalyse uit dat, indien de rente toe- of afgenomen was met de redelijkerwijs mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, de afdekkingsreserve niet zou gewijzigd zijn.
De Groep is blootgesteld aan kredietrisico's ten gevolge van haar bedrijfsactiviteiten en bepaalde financieringsactiviteiten. In het kader van haar bedrijfsactiviteiten heeft de Groep een kredietbeleid opgezet dat rekening houdt met het risicoprofiel van de klanten in functie van het marktsegment waartoe zij behoren. Op basis van hun activiteitenplatform, productsegment en regio wordt het kredietrisico van de klanten geanalyseerd en wordt beslist om het kredietrisico af te dekken. De blootstelling aan kredietrisico's wordt continu opgevolgd en de kredietwaardigheid van alle klanten wordt geregeld geëvalueerd. Omwille van het specifieke karakter van sommige staaldraadactiviteiten die slechts een beperkt aantal wereldwijd opererende klanten tellen, wordt het concentratierisico van dichtbij opgevolgd en wordt – overeenkomstig de kredietbeleidslijnen – indien nodig onmiddellijk actie ondernomen. Er dient geen enkele van de volgens IFRS 8 §34 vereiste toelichtingen in verband met individuele klanten (of groepen van klanten onder gezamenlijke zeggenschap) verstrekt, aangezien geen enkele klant van de Groep instaat voor meer dan 10% van de omzet. Op 31 december 2015 was 65,4% (2014: 64,8%) van het kredietrisico afgedekt door kredietverzekeringspolissen en handelsfinancieringsinstrumenten. In het kader van financieringsactiviteiten worden transacties in principe enkel afgesloten met tegenpartijen die minstens een A-kredietscore hebben. Daarnaast worden kredietlimieten vastgelegd voor elke tegenpartij in functie van haar kredietwaardigheid. Dankzij deze aanpak acht de Groep de risico's bij staking van betaling door de tegenpartij beperkt, zowel wat bedrijfsactiviteiten als wat financieringsactiviteiten betreft.
Liquiditeitsrisico betekent het risico dat de Groep haar verplichtingen niet kan nakomen op de vervaldag omdat ze niet in staat is om activa te gelde te maken of de nodige kredieten te bekomen. Om de liquiditeit en de financiële flexibiliteit te allen tijde te garanderen, beschikt de Groep, naast de beschikbare geldmiddelen, over verscheidene kortlopende, niet-toegezegde kredietlijnen in de belangrijkste valuta's en voor bedragen die geacht worden toereikend te zijn voor de huidige en toekomstige financiële behoeften. Deze kredietfaciliteiten hebben meestal een gemengd karakter en kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor voorschotten, kaskredieten, acceptkredieten en verdisconteringen. De Groep heeft ook toegezegde kredietfaciliteiten ter beschikking voor een maximumbedrag van € 50,0 miljoen (2014: € 70,6 miljoen) tegen variabele rentevoeten met vaste marges. Op jaareinde was van deze kredietlijnen niets (2014: niets) opgenomen. Bovendien beschikt de Groep over een commercial paper & medium-term note program voor een bedrag van € 123,9 miljoen (2014: € 123,9 miljoen). Op 31 december 2015 waren er geen uitstaande commercial paper notes (2014: geen). Op jaareinde was geen enkele van de uitstaande schulden onderworpen aan schuldcovenanten (2014: geen). De Groep heeft een gezamenlijk factoring- programma met BNP Paribas Fortis en KBC dat de mogelijkheid biedt om tot € 90 miljoen (2014: € 40 miljoen) op te nemen voor twee maanden, maar er waren geen bedragen opgenomen voor jaareinde (2014: geen).
De volgende tabel toont de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen. Enkel nettorentebetalingen en kapitaalsaflossingen zijn hierin vervat.
| 2015 | 2021 | |||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2016 | 2017 | 2018-2020 | en later |
| Financiële verplichtingen - hoofdsom | ||||
| Handelsschulden | -456 783 | - | - | - |
| Overige verplichtingen | -141 539 | -820 | - | - |
| Rentedragende schulden | -494 714 | -13 343 | -778 773 | - |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -512 735 | - | -11 872 | - |
| Financiële verplichtingen - rente | ||||
| Rentedragende schulden | -36 401 | -22 744 | -39 025 | - |
| Derivaten - netto afgewikkeld | - | - | - | - |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -7 240 | -1 153 | -1 153 | - |
| Totaal niet-verdisconteerde kasstromen | -1 649 412 | -38 060 | -830 823 | - |
| 2014 | 2020 | |||
| in duizend € | 2015 | 2016 | 2017-2019 | en later |
| Financiële verplichtingen - hoofdsom | ||||
| Handelsschulden | -389 254 | - | - | - |
| Overige verplichtingen | -179 433 | -815 | - | - |
| Rentedragende schulden | -449 136 | -282 823 | -580 170 | -47 081 |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -607 477 | -12 988 | - | - |
| Financiële verplichtingen - rente | ||||
| Rentedragende schulden | -38 855 | -30 604 | -49 726 | -2 168 |
| Derivaten - netto afgewikkeld | -1 796 | - | - | - |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -9 453 | -1 279 | - | - |
| Totaal niet-verdisconteerde kasstromen | -1 675 404 | -328 509 | -629 896 | -49 249 |
Hierin zijn alle instrumenten begrepen die aangehouden werden op de balansdatum en waarvoor de betalingen reeds contractueel werden vastgelegd. Voorspellingen met betrekking tot toekomstige nieuwe verplichtingen zijn niet meegerekend. Bedragen in vreemde valuta werden omgerekend tegen de slotkoers op de balansdatum. Variabele rentebetalingen met betrekking tot financiële instrumenten werden berekend op basis van de toepasselijke termijnrentevoeten.
Alle financiële derivaten die de Groep aangaat, hebben betrekking op een onderliggende transactie of een verwacht risico. In functie van het verwachte effect op de winst-en-verliesrekening en als voldaan is aan de strikte criteria van IAS 39, beslist de Groep geval per geval of hedge accounting zal toegepast worden. In de volgende secties worden de transacties beschreven waarvoor hedge accounting wordt toegepast en de transacties die niet in aanmerking komen voor hedge accounting, maar als een economische afdekking fungeren.
De Groep maakt geen gebruik van hedge accounting per 31 december 2015. Per vorig jaareinde maakten bepaalde derivaten ook deel uit van effectieve kasstroomafdekkingen en reëlewaardeafdekkingen met betrekking tot de Euro-obligatielening uitgegeven in 2005. In 2005 gaf Bekaert Corporation, een entiteit gevestigd in de VS, een vastrentende euro-obligatielening van € 100 miljoen uit met vervaldatum in maart 2015. Tegelijkertijd ging de entiteit ook twee cross-currency interest-rate swaps van elk € 50 miljoen aan om de helft van de vaste betalingen in euro om te zetten in vlottende betalingen in US dollar en de andere helft in vaste betalingen in US dollar.
In 2005 bracht de entiteit de blootstelling aan vlottende betalingen in US dollar terug van € 50 miljoen tot € 30,9 miljoen. De Groep merkte het deel van € 30,9 miljoen van de euro-obligatielening van 2005 aan als afgedekte positie in een reëlewaardeafdekking (het resterende deel van € 69,1 miljoen werd behandeld als een afgedekte positie in een kasstroomafdekking – zie volgende sectie). Hierdoor werden reëlewaardewijzigingen van de afgedekte posities als gevolg van schommelingen van de contantkoers USD/EUR afgezet tegenover reëlewaardewijzigingen van de cross-currency interest rate swaps. Met deze afdekkingstransacties werden geen kredietrisico's beoogd of afgedekt. De reëlewaardeafdekkingen hebben de winst-en-verliesrekening als volgt beïnvloed:
| 2015 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Impact op winst-en verlies rekening |
|---|---|---|---|
| Reëlewaarde | Reëlewaarde | ||
| Reëlewaardeafdekkingen | veranderingen | veranderingen | |
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | -2 424 | 2 445 | 21 |
| Rentelastaanpassingen | - | - | 144 |
| Totaal | -2 424 | 2 445 | 165 |
| 2014 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Impact op winst-en verlies rekening |
|---|---|---|---|
| Reëlewaarde | Reëlewaarde | ||
| Reëlewaardeafdekkingen | veranderingen | veranderingen | |
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | 4 829 | -4 815 | 14 |
| Rentelastaanpassingen | - | - | 909 |
| Totaal | 4 829 | -4 815 | 923 |
Het valuta- en renterisico dat voortvloeide uit de overige € 69,1 miljoen van de euro-obligatielening van 2005 (zie voorgaande sectie over reëlewaardeafdekkingen) was afgedekt door middel van een cross-currency interest-rate swap voor € 50 miljoen en een combinatie van een cross-currency interest-rate swap en een interest-rate swap voor € 19,1 miljoen. Deze financiële derivaten zetten vaste betalingen in euro om in vaste betalingen in US dollar. De Groep had het betrokken deel van de euro-obligatielening aangemerkt als afgedekte positie. De bedoeling van deze afdekking was het elimineren van het risico op betalingsschommelingen als gevolg van wijzigingen in wisselkoersen en rentevoeten. Met deze afdekkingstransacties werden geen kredietrisico's beoogd of afgedekt. De kasstroomafdekkingen hadden een directe invloed op het eigen vermogen via de andere elementen van het resultaat en beïnvloedden tevens de resultatenrekening, zoals men hieronder kan zien:
| 2015 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Impact op winst-en verlies rekening |
Verwerkt in het eigen vermogen (OCI) |
|---|---|---|---|---|
| Contantkoers | Reëlewaarde | |||
| Kasstroomafdekkingen | veranderingen | veranderingen | ||
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | -5 873 | 6 034 | 161 | 1 - |
| Rentelastaanpassingen | - | - | -326 | - |
| Afschrijving van stopgezette afdekkingsrelatie | ||||
| (overgeboekt uit rentelasten) | - | - | -14 | 14 |
| Totaal | -5 873 | 6 034 | -179 | 14 |
1De afdekkingsreserve werd overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening bij de afwikkeling van de afgedekte posities en de afdekkingsinstrumenten.
Wat betreft de stopgezette afdekkingsrelatie die ook verband hield met de Eurobond die uitgegeven werd in 2005 en verviel in 2015, werd het saldo in de afdekkingsreserve overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening.
| 2014 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Impact op winst-en verlies rekening |
Verwerkt in het eigen vermogen (OCI) |
|---|---|---|---|---|
| Contantkoers | Reëlewaarde | |||
| Kasstroomafdekkingen | veranderingen | veranderingen | ||
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | 8 582 | -7 896 | - | 686 |
| Rentelastaanpassingen | - | - | -797 | - |
| Afschrijving van stopgezette afdekkingsrelatie | ||||
| (overgeboekt uit rentelasten) | - | - | 69 | 69 |
| Totaal | 8 582 | -7 896 | -728 | 755 |
Aangezien zowel de afdekkingsinstrumenten als de afgedekte posities vervallen zijn in maart 2015, bedraagt de afdekkingsreserve op balansdatum nul (2014: € 0,1 miljoen).
De Groep gebruikt ook financiële instrumenten die als economische afdekking fungeren, maar waarvoor geen hedge accounting wordt toegepast, ofwel omdat niet voldaan is aan de criteria die IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering', vooropstelt om in aanmerking te komen voor hedge accounting, ofwel omdat de Groep bewust besloten heeft om geen hedge accounting toe te passen. Deze derivaten worden verwerkt als afzonderlijke instrumenten aangehouden voor handelsdoeleinden.
Het volgende overzicht presenteert de notionele bedragen van de derivaten volgens hun vervaldatum. Voor derivaten aangemerkt voor hedge accounting conform IAS 39 wordt getoond of deze deel uitmaken van een reëlewaardeafdekking (FVH) of een kasstroomafdekking (CFH):
| 2015 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
|---|---|---|---|
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | |||
| Termijnwisselcontracten | 370 847 | - | - |
| Cross-currency interest-rate swaps | 561 109 | 11 872 | - |
| Conversiederivaat | - | 300 000 | - |
| Totaal | 931 956 | 311 872 | - |
| 2014 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
|---|---|---|---|
| Hedge accounting | |||
| Interest-rate swaps / CFH | 20 591 | - | - |
| Cross-currency interest-rate swaps / CFH | 74 475 | - | - |
| Cross-currency interest-rate swaps / FVH | 33 292 | - | - |
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | |||
| Termijnwisselcontracten | 429 921 | - | - |
| Interest-rate swaps | 32 946 | - | - |
| Cross-currency interest-rate swaps | 383 918 | 32 256 | - |
| Conversiederivaat | - | 300 000 | - |
| Totaal | 975 143 | 332 256 | - |
Het volgende overzicht vat de reële waarden van de verschillende derivaten samen. Voor derivaten aangemerkt voor hedge accounting conform IAS 39, wordt getoond of deze deel uitmaken van een reëlewaardeafdekking (FVH) of een kasstroomafdekking (CFH):
| Reële waarde van korte- en langetermijnderivaten | Vorderingen | Verplichtingen | ||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | 2014 | 2015 |
| Financiële instrumenten | ||||
| Hedge accounting | ||||
| Interest-rate swaps /CFH | - | - | 141 | - |
| Cross-currency interest-rate swaps / FVH | - | - | 2 235 | - |
| Cross-currency interest-rate swaps / CFH | - | - | 5 373 | - |
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | ||||
| Termijnwisselcontracten | 2 637 | 3 900 | 7 625 | 4 525 |
| Interest-rate swaps | - | - | 235 | - |
| Cross-currency interest-rate swaps | 21 521 | 11 744 | 33 631 | 17 711 |
| Put -opties gerelateerd aan minderheidsbelangen1 | - | - | - | 8 559 |
| Conversiederivaat | - | - | 7 921 | 5 825 |
| Totaal | 24 158 | 15 644 | 57 161 | 36 620 |
| Op meer dan een jaar | 5 944 | 5 897 | 7 921 | 14 384 |
| Op ten hoogste een jaar | 18 214 | 9 747 | 49 240 | 22 236 |
| Totaal | 24 158 | 15 644 | 57 161 | 36 620 |
1Brutoverplichting hoofdzakelijk met betrekking tot het commerciële partnerschap met Maccaferri voor ondergrondse toepassingen aangekondigd in juni 2014. Het bedrag werd geherclassificeerd vanuit langetermijnvoorzieningen.
De Groep heeft geen financiële activa en verplichtingen die gesaldeerd worden voorgesteld in de balans overeenkomstig IAS 32. De Groep gaat ISDA-raamovereenkomsten aan met de tegenpartijen voor al haar derivaten, die de tegenpartijen toelaten om vorderingen uit derivaten te salderen met verplichtingen uit derivaten bij het afwikkelen in geval van wanbetaling. Bij deze overeenkomsten worden geen waarborgen uitgewisseld, noch in geldmiddelen noch in beleggingsinstrumenten.
Het potentieel effect van het salderen van derivatencontracten wordt hierna weegegeven:
| Effect van afdwingbare salderingsovereenkomsten | Vorderingen | Verplichtingen | ||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 | 2014 | 2015 |
| Totaal derivaten opgenomen in de balans | 24 158 | 15 644 | 57 161 | 36 620 |
| Afdwingbare salderingen | -15 576 | -5 847 | -15 576 | -5 847 |
| Nettobedragen | 8 582 | 9 797 | 41 585 | 30 773 |
De volgende tabellen tonen de verschillende klassen van financiële activa en verplichtingen met hun nettoboekwaarde en reële waarde, ingedeeld naargelang hun waarderingscategorie volgens IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering'.
Geldmiddelen en kasequivalenten, geldbeleggingen, handelsvorderingen, overige vorderingen, ontvangen bankwissels en leningen en financiële vorderingen vervallen meestal op korte termijn. Daarom benadert hun nettoboekwaarde op de verslagdatum hun reële waarde. Ook handelsschulden en overige verplichtingen vervallen meestal op korte termijn en om dezelfde reden benadert hun nettoboekwaarde hun reële waarde. De Groep heeft overigens geen posities in collateralized debt obligations (CDO's).
Volgende afkortingen voor categorieën worden hierna gebruikt:
| Afkorting | Categorie volgens IAS 39 |
|---|---|
| L&V | Leningen & vorderingen |
| BV | Beschikbaar voor verkoop |
| FARWR | Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat |
| FVtGK | Financiële verplichtingen tegen geamortiseerde kostprijs |
| AVAfd | Administratieve verwerking van afdekkingstransacties |
| FVRWR | Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het resultaat |
| n.v.t. | Niet van toepassing |
| Netto | |||
|---|---|---|---|
| 2015 | boekwaarde | Reële waarde | |
| in duizend € | Categorie volgens IAS 39 | 2015 | 2015 |
| Activa | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | L&V | 401 771 | 401 771 |
| Geldbeleggingen | L&V | 10 216 | 10 216 |
| Handelsvorderingen | L&V | 686 364 | 686 364 |
| Ontvangen bankwissels | L&V | 68 005 | 68 005 |
| Overige vorderingen | L&V | 97 766 | 97 766 |
| Leningen en financiële vorderingen | L&V | 51 428 | 51 428 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | BV | 15 626 | 15 626 |
| Vorderingen uit derivaten | |||
| - zonder afdekkingsrelatie | FARWVR | 15 644 | 15 644 |
| Verplichtingen | |||
| Rentedragende schulden | |||
| - financiële leases | n.v.t. | 3 764 | 3 764 |
| - kredietinstellingen | FVtGK | 452 026 | 452 026 |
| - obligatieleningen | FVtGK | 831 040 | 869 422 |
| Handelsschulden | FVtGK | 456 783 | 456 783 |
| Overige verplichtingen | FVtGK | 142 359 | 142 359 |
| Verplichtingen uit derivaten | |||
| - zonder afdekkingsrelatie | FVRWVR | 36 620 | 36 620 |
| Getotaliseerd per categorie volgens IAS 39 | |||
| Leningen en financiële vorderingen | L&V | 1 315 550 | 1 315 550 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | BV | 15 626 | 15 626 |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | FARWVR | 15 644 | 15 644 |
| Financiële verplichtingen gewaardeerd tegen | |||
| geamortiseerde kostprijs Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het |
FVtGK | 1 882 208 | 1 920 590 |
| resultaat | FVRWVR | 36 620 | 36 620 |
| Netto | |||
| 2014 in duizend € |
Categorie volgens IAS 39 | boekwaarde 2014 |
Reële waarde 2014 |
| Activa | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | L&V | 458 542 | 458 542 |
| Geldbeleggingen | L&V | 14 160 | 14 160 |
| Handelsvorderingen | L&V | 707 569 | 707 569 |
| Ontvangen bankwissels | L&V | 114 118 | 114 118 |
| Overige vorderingen | L&V | 106 627 | 106 627 |
| Leningen en financiële vorderingen | L&V | 42 523 | 42 523 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | BV | 9 979 | 9 979 |
| Vorderingen uit derivaten | |||
| - zonder afdekkingsrelatie | FARWVR | 24 157 | 24 157 |
| - met afdekkingsrelatie | AVAfd | - | - |
| Verplichtingen | |||
| Rentedragende schulden | |||
| - financiële leases | n.v.t. | 1 548 | 1 548 |
| - kredietinstellingen | FVtGK | 426 154 | 426 154 |
| - obligatieleningen | AVAfd | 100 184 | 100 594 |
| - obligatieleningen | FVtGK | 823 740 | 868 376 |
| Handelsschulden | FVtGK | 390 943 | 390 943 |
| Overige verplichtingen | FVtGK | 143 497 | 143 497 |
| Verplichtingen uit derivaten | |||
| - zonder afdekkingsrelatie | FVRWVR | 49 411 | 49 411 |
| - met afdekkingsrelatie | AVAfd | 7 750 | 7 750 |
| Getotaliseerd per categorie volgens IAS 39 | |||
| Leningen en financiële vorderingen | L&V | 1 443 539 | 1 443 539 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | BV | 9 979 | 9 979 |
| Financiële activa met afdekkingsrelatie | AVAfd | - | - |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | FARWVR | 24 157 | 24 157 |
| Financiële verplichtingen gewaardeerd tegen | |||
| geamortiseerde kostprijs | FVtGK | 1 784 334 | 1 828 970 |
| Financiële verplichtingen met afdekkingsrelatie Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het |
AVAfd | 107 934 | 108 344 |
De reëlewaardebepaling van financiële activa en verplichtingen kan worden getypeerd op een van de volgende manieren:
| Op uitgifte datum |
Op 31 dec 2014 |
Op 31 dec 2015 |
|
|---|---|---|---|
| Niveau-1-inputs | |||
| Koers van het aandeel | € 27,97 | € 26,35 | € 28,39 |
| Niveau-2-inputs | |||
| Referentieswaprate | 0,54% | 0,25% | 0,01% |
| Kredietmarge | 210 bps | 200 bps | 200 bps |
| Niveau-3-inputs | |||
| Volatiliteit | 25,40% | 22,00% | 20,00% |
| in duizend € | |||
|---|---|---|---|
| Reële waarde van de converteerbare schuld | 300 000 | 286 379 | 298 014 |
| Reële waarde van de plain vanilla- schuld | 278 700 | 278 458 | 292 189 |
| Reële waarde van de conversie-optie | 21 300 | 7 921 | 5 825 |
De nettoboekwaarde (d.i. de reële waarde) van het niveau-3-derivaat dat de conversie-optie vertegenwoordigt is als volgt geëvolueerd:
De volgende tabel toont de sensitiviteit van de reëlewaardeberekening aan de belangrijkste input van niveau 3.
| Sensitiviteitsanalyse in duizend € |
Impact op derivaat Wijziging (verplichting) |
|
|---|---|---|
| Impliciete volatiliteit | 3,5% toename met | 3 786 |
| -3,5% afname met | -3 099 |
De reële waarde van alle financiële instrumenten die tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerd worden in de balans, volgens IAS 39 of IAS 17, werd bepaald door middel van waarderingstechnieken van 'Niveau 2'. De volgende tabel toont een analyse van financiële instrumenten die tegen reële waarde worden gewaardeerd in de balans volgens de hoger beschreven hiërarchie van reëlewaardebepalingen:
| 2015 | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Financiële activa - met afdekkingsrelatie | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | - | - | - |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | 15 644 | - | 15 644 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||||
| Deelnemingen | 6 193 | 8 514 | - | 14 707 |
| Totaal activa | 6 193 | 24 158 | - | 30 351 |
| Financiële verplichtingen - met afdekkingsrelatie | ||||
| Rentedragende schulden | - | - | - | - |
| Verplichtingen uit derivaten | - | - | - | - |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het | ||||
| resultaat | ||||
| Put-opties gerelateerd aan minderheidsbelangen | - | - | 8 559 | 8 559 |
| Verplichtingen uit derivaten | - | 22 236 | 5 825 | 28 061 |
| Totaal verplichtingen | - | 22 236 | 14 384 | 36 620 |
| 2014 | ||||
| in duizend € | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Financiële activa - met afdekkingsrelatie | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | - | - | - |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | 24 157 | - | 24 157 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||||
| Deelnemingen | 8 495 | 503 | - | 8 998 |
| Totaal activa | 8 495 | 24 660 | - | 33 155 |
| Financiële verplichtingen - met afdekkingsrelatie | ||||
| Rentedragende schulden | - | 31 076 | - | 31 076 |
| Verplichtingen uit derivaten | - | 7 750 | - | 7 750 |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het | ||||
| resultaat | ||||
| Verplichtingen uit derivaten | - | 41 490 | 7 921 | 49 411 |
| Totaal verplichtingen | - | 80 316 | 7 921 | 88 237 |
Er waren geen overdrachten tussen niveau 1 en 2 tijdens de periode.
De Groep beheert haar kapitaal om te verzekeren dat haar entiteiten in staat zullen zijn hun activiteiten verder te zetten, en met de bedoeling de rentabiliteit voor haar aandeelhouders te maximaliseren door de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen te optimaliseren. De Groep heeft haar strategie in dit verband niet gewijzigd tegenover 2014.
De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit nettoschuld, zoals gedefinieerd in toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden', en eigen vermogen (zowel toerekenbaar aan de Groep als aan minderheidsbelangen).
Het Audit en Finance Comité van de Groep controleert de kapitaalstructuur op halfjaarlijkse basis. Als onderdeel van deze controle wordt de kapitaalkost herzien en worden de risico's geëvalueerd die verband houden met elke vorm van kapitaalverstrekking. De Groep beoogt een gearing ratio van 50%, gedefinieerd als de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen.
| Gearing in duizend € |
2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Nettoschuld | 852 959 | 831 964 |
| Eigen vermogen | 1 566 212 | 1 515 911 |
| Nettoschuld op eigen vermogen | 54,5% | 54,9% |
Per 31 december had de Groep de volgende belangrijke toezeggingen en voorwaardelijke activa en verplichtingen:
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Voorwaardelijke verplichtingen | 22 548 | 29 031 |
| Toezeggingen tot aankoop van vaste activa | 19 129 | 13 796 |
| Toezeggingen tot deelneming in durfkapitaalfondsen | 5 038 | 3 644 |
De voorwaardelijke verplichtingen hebben voornamelijk betrekking op milieuverplichtingen, waarvan de meeste gedekt zijn door bankgaranties.
De entiteiten van de Groep worden geregeld onderworpen aan belastingcontroles in hun rechtsgebied. Hoewel het eindresultaat van belastingcontroles onzeker is, heeft Bekaert de kwaliteit van haar aangiftes getoetst in een algemene evaluatie van potentiële belastingverplichtingen en geconcludeerd dat de Groep toereikende belastingverplichtingen opgenomen heeft in deze geconsolideerde jaarrekening voor eventuele risico's op dit vlak. Bijgevolg acht Bekaert het ook onwaarschijnlijk dat potentiële belastingrisico's, bovenop de bedragen die in deze geconsolideerde jaarrekening als verplichtingen opgenomen werden, van betekenis kunnen zijn voor haar financiële positie (zie toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen' voor voorwaardelijke belastingverplichtingen met betrekking tot de Braziliaanse joint ventures).
De Groep heeft verscheidene huurcontracten aangegaan, die geclassificeerd worden als operationele leaseovereenkomsten, vooral voor rollend materieel en gebouwen, grotendeels in Europa. Een groot aantal van deze contracten bevat een verlengingsclausule, behalve de meeste contracten voor rollend materieel en uitrusting. De activa worden niet onderverhuurd aan derden.
| Toekomstige betalingen | |
|---|---|
| ------------------------ | -- |
| 2014 in duizend € |
2015 |
|---|---|
| Binnen het jaar 13 871 |
17 101 |
| Over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar 26 016 |
30 488 |
| Over meer dan 5 jaar 1 018 |
749 |
| Totaal 40 905 |
48 338 |
| Kosten | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Rollend materieel | 9 850 | 10 369 |
| Industriële gebouwen | 3 063 | 4 228 |
| Uitrusting | 2 770 | 3 809 |
| Kantoren | 3 394 | 3 528 |
| Gronden | 377 | 18 |
| Overige | 952 | 1 306 |
| Totaal | 20 406 | 23 258 |
| 2015 in jaren |
Gewogen gemiddelde leaseperiode |
|---|---|
| Rollend materieel | 4 |
| Industriële gebouwen | 5 |
| Uitrusting | 3 |
| Kantoren | 4 |
| Gronden | 1 |
| Overige | 1 |
| 2014 in jaren |
Gewogen gemiddelde leaseperiode |
|---|---|
| Rollend materieel | 4 |
| Industriële gebouwen | 2 |
| Uitrusting | 3 |
| Kantoren | 4 |
| Gronden | 1 |
| Overige | 1 |
Tijdens 2015 vervolledigde Bekaert Corporation (de 'Onderneming') de bouw, restauratie en modernisering van haar fabriek in Rome, Georgia, VS (het 'Project'). In verband met het Project verkreeg de Onderneming verminderingen van onroerendgoedbelastingen door een Payment-in-Lieu-of-Taxes ('PILOT') programma beschikbaar via de lokale belastingdienst (de 'Autoriteit') over haar nieuwe onroerende goederen en eigendommen voor een periode van vijf en acht jaar. Het PILOT-programma betrof de aankoop door de vennootschap van Industrial Development Revenue Bonds (de 'Obligaties') uitgegeven tegen 4,25% door de Autoriteit ten belope van USD 39,5 miljoen, waarvan de opbrengst door de Autoriteit werd gebruikt om het project te kopen en terug te leasen aan de vennootschap tegen een huurprijs die gelijk is aan het bedrag van de rente op de obligaties (de 'Lease'). Op het einde van de huurovereenkomst en de vervaldag van de Obligaties, zal het Project worden teruggekocht door de vennootschap van de Autoriteit en zullen de Obligaties vervallen en worden terugbetaald aan de Onderneming. Voor 2015 bedroegen de renteopbrengsten op de Obligaties en de huurlasten van het Project USD 0,1 miljoen. Conform de bepalingen van SIC 27 'Evaluatie van de economische realiteit van transacties in de juridische vorm van een lease-overeenkomst' worden deze transacties geacht geen economische realiteit te weerspiegelen en worden zij dus niet opgenomen in de jaarrekening.
Transacties tussen de onderneming en haar dochterondernemingen, die verbonden partijen zijn, werden geëlimineerd in de consolidatie en worden bijgevolg niet opgenomen in deze toelichting. Transacties met andere verbonden partijen worden hieronder toegelicht.
| Transacties met joint ventures | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2014 | 2015 |
| Verkopen van goederen | 36 930 | 15 224 |
| Aankopen van goederen | 19 654 | 17 916 |
| Geleverde diensten | - | 237 |
| Ontvangen royalty's en managementvergoedingen | 10 125 | 8 956 |
| Rente- en soortgelijke opbrengsten | 169 | 690 |
| Ontvangen dividenden | 19 881 | 17 674 |
Geen enkele van de verbonden partijen heeft bepaalde transacties aangegaan die voldoen aan de criteria van IAS 24, 'Informatieverschaffing over verbonden partijen'.
Overige kortetermijnverplichtingen 185 -
Het Key Management omvat de Raad van Bestuur, de CEO, de leden van het Bekaert Group Executive en de Senior Vice Presidents (zie laatste pagina van het Financieel overzicht).
| in duizend € | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Aantal personen | 40 | 41 |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | ||
| Basisvergoedingen | 7 043 | 6 887 |
| Variabele vergoedingen | 4 227 | 2 349 |
| Vergoedingen als bestuurders van dochterondernemingen | 936 | 679 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | 712 | 518 |
| Toegezegdebijdragenregelingen | 967 | 608 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 2 376 | 2 376 |
| Totaal brutovergoedingen | 16 261 | 13 417 |
| Gemiddelde brutovergoeding per persoon | 407 | 327 |
| Aantal toegekende opties en stock appreciation rights | 251 500 | 267 000 |
Voor de toelichtingen die betrekking hebben op de Belgische Corporate Governance Code verwijzen wij naar het hoofdstuk 'Corporate Governance' in dit jaarverslag.
Gedurende 2015 werden er door de commissaris en met hem beroepshalve in samenwerkingsverband opererende personen bijkomende opdrachten uitgevoerd ten belope van € 1 131 782.
Deze opdrachten betroffen in essentie verdere assurance-opdrachten (€ 49 037), belastingadviesdiensten (€ 969 776) en andere niet-controlediensten (€ 112 969).
De bijkomende opdrachten werden goedgekeurd door het Audit en Finance Comité.
De vergoedingen voor controlediensten voor NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen bedroegen € 1 897 308.
| Met industriële activiteit | Adres | % |
|---|---|---|
| EMEA | ||
| Bekaert Bohumín sro | Bohumín, Tsjechië | 100 |
| Bekaert Combustion Technology BV | Assen, Nederland | 100 |
| Bekaert Figline SpA | Milaan, Italië | 100 |
| Bekaert Hlohovec as | Hlohovec, Slovakije | 100 |
| Bekaert Izmit Çelik Kord Sanayi ve Ticaret AS | Izmit, Turkije | 100 |
| Bekaert Kartepe Çelik Kord Sanayi ve Ticaret AS | Kartepe, Turkije | 100 |
| Bekaert Petrovice sro | Petrovice, Tsjechië | 100 |
| Bekaert Sardegna SpA | Assemini, Italië | 100 |
| Bekaert Slatina SRL | Slatina, Roemenië | 80 |
| Bekaert Slovakia sro | Sládkovičovo, Slovakije | 100 |
| Bekintex NV | Wetteren, België | 100 |
| Cold Drawn Products Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Industrias del Ubierna SA | Burgos, Spanje | 100 |
| OOO Bekaert Lipetsk | Gryazi, Rusland | 100 |
| Solaronics SA | Armentières, Frankrijk | 100 |
| Noord-Amerika | ||
| Bekaert Corporation | Wilmington (Delaware), Verenigde Staten | 100 |
| Wire Rope Industries Ltd/Industries de Câbles d'Acier Ltée | Pointe-Claire, Canada | 100 |
| Wire Rope Industries USA Inc | Wilmington (Delaware), Verenigde Staten | 100 |
| Latijns-Amerika | ||
| Acma SA | Santiago, Chili | 52 |
| Acmanet SA | Talcahuano, Chili | 52 |
| Bekaert Cimaf Cabos Ltda | São Paulo, Brazilië | 100 |
| Bekaert Costa Rica SA | San José-Santa Ana, Costa Rica | 58 |
| Bekaert Sumaré Ltda | Sumaré, Brazilië | 100 |
| BIA Alambres Costa Rica SA | San José-Santa Ana, Costa Rica | 58 |
| Ideal Alambrec SA | Quito, Ecuador | 58 |
| Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA | Talcahuano, Chili | 52 |
| Procables SA | Callao, Peru | 96 |
| Prodinsa SA | Maipú, Chili | 100 |
| Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS | Bogotá, Colombia | 80 |
| Productos de Acero Cassadó SA Vicson SA |
Callao, Peru Valencia, Venezuela |
38 80 |
| Pacifisch Azië | ||
| Bekaert Ansteel Tire Cord (Chongqing) Co Ltd | Chongqing, China | 50 |
| Bekaert Applied Material Technology (Shanghai) Co Ltd | Shanghai, China | 100 |
| Bekaert Binjiang Advanced Products Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | 90 |
| Bekaert Binjiang Steel Cord Co Ltd Bekaert (China) Technology Research and Development Co Ltd |
Jiangyin (provincie Jiangsu), China Jiangyin (provincie Jiangsu), China |
90 100 |
| Bekaert (Huizhou) Steel Cord Co Ltd | Huizhou (provincie Guangdong), China | 100 |
| Bekaert Industries Pvt Ltd | Taluka Shirur, District Pune, India | 100 |
| Bekaert Ipoh Sdn Bhd | Kuala Lumpur, Maleisië | 100 |
| Bekaert (Jining) Steel Cord Co Ltd | Jining City, Yanzhou district (provincie Shandong) | 80 |
| Bekaert-Jiangyin Wire Products Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | 100 |
| Bekaert Mukand Wire Industries Pvt Ltd | Pune, India | 100 |
| Bekaert New Materials (Suzhou) Co Ltd | Suzhou (provincie Jiangsu), China | 100 |
| Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd | Qingdao (provincie Shandong), China | 100 |
| Bekaert Shah Alam Sdn Bhd | Kuala Lumpur, Maleisië | 100 |
| Bekaert (Shandong) Tire Cord Co Ltd | Weihai (provincie Shandong), China | 100 |
| Bekaert Shenyang Advanced Products Co Ltd | Shenyang (provincie Liaoning), China | 100 |
| Bekaert Toko Metal Fiber Co Ltd Bekaert Wire Ropes Pty Ltd |
Tokio, Japan Mayfield East, Australië |
70 100 |
| China Bekaert Steel Cord Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | 90 |
| PT Bekaert Indonesia | Karawang, Indonesië | 100 |
PT Bekaert Southern Wire Karawang, Indonesië 100
| Verkoopkantoren, magazijnen en andere | Adres | % |
|---|---|---|
| EMEA | ||
| Bekaert AS Bekaert Emirates LLC Bekaert France SAS Bekaert Ges mbH Bekaert GmbH Bekaert Ltd Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA Bekaert Maccaferri Underground Solutions Srl Bekaert Middle East LLC Bekaert Norge AS Bekaert Poland Sp z oo Bekaert (Schweiz) AG Bekaert Svenska AB Leon Bekaert SpA OOO Bekaert Wire Rylands-Whitecross Ltd Scheldestroom NV |
Vejle, Denemarken Dubai, Verenigde Arabische Emiraten Armentières, Frankrijk Wenen, Oostenrijk Neu-Anspach, Duitsland Bradford, Verenigd Koninkrijk Aalst (Erembodegem), België Zola Predosa, Bologna, Italië Dubai, Verenigde Arabische Emiraten Frogner, Norwegen Warsaw, Polen Baden, Zwitserland Göteborg, Zweden Milaan, Italië Moskou, Rusland Bradford, Verenigd Koninkrijk Zwevegem, België |
100 49 100 100 100 100 50 50 49 100 100 100 100 100 100 100 100 |
| Twil Company | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Noord-Amerika | ||
| Bekaert Canada Ltd Bekaert Carding Solutions Inc / Bekaert Solutions de Cardage Inc Bekaert Specialty Films de Mexico SA de CV Bekaert Trade Mexico S de RL de CV Specialty Films de Services Company SA de CV |
Vancouver, Canada Saint John, Canada Monterrey, Mexico Mexico Stad, Mexico Monterrey, Mexico |
100 100 100 100 100 |
| Latijns-Amerika | ||
| Bekaert Guatemala SA Bekaert Trade Latin America NV Prodac Contrata SAC Prodac Selva SAC Prodalam SA Prodinsa Ingeniería y Proyectos SA |
Guatemala Stad, Guatemala Curaçao, Nederlandse Antillen Callao, Peru Ucayali, Peru Santiago, Chili Santiago, Chili |
100 100 38 38 52 100 |
| Pacifisch Azië | ||
| Bekaert Advanced Products (Shanghai) Co Ltd Bekaert Japan Co Ltd Bekaert Korea Ltd Bekaert Management (Shanghai) Co Ltd Bekaert Singapore Pte Ltd Bekaert Taiwan Co Ltd BOSFA Pty Ltd Cempaka Raya Sdn Bhd PT Bekaert Trade Indonesia |
Shanghai, China Tokio, Japan Seoel, Korea Shanghai, China Singapore Taipei, Taiwan Port Melbourne, Australië Kuala Lumpur, Maleisië Karawang, Indonesië |
100 100 100 100 100 100 100 100 100 |
| Financiële ondernemingen | Adres | % |
| Acma Inversiones SA Becare Ltd Bekaert Building Products Hong Kong Ltd Bekaert Carding Solutions Hong Kong Ltd Bekaert Coördinatiecentrum NV Bekaert do Brasil Ltda Bekaert Holding Hong Kong Ltd Bekaert Ibérica Holding SL Bekaert Ideal SL Bekaert Investments NV Bekaert Investments Italia SpA Bekaert North America Management Corporation Bekaert Services Hong Kong Ltd Bekaert Singapore Holding Pte Ltd Bekaert Specialty Wire Products Hong Kong Ltd Bekaert Stainless Products Hong Kong Ltd |
Talcahuano, Chili Dublin, Ierland Hong Kong, China Hong Kong, China Zwevegem, België Contagem, Brazilië Hong Kong, China Burgos, Spanje Burgos, Spanje Zwevegem, België Milaan, Italië Wilmington (Delaware), Verenigde Staten Hong Kong, China Singapore Hong Kong, China Hong Kong, China |
100 100 100 100 100 100 100 100 80 100 100 100 100 100 100 100 |
Bekaert Steel Cord Products Hong Kong Ltd Hong Kong, China 100 Bekaert Strategic Partnerships Hong Kong Ltd Hong Kong, China 100
| Bekaert Wire Products Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | 100 |
|---|---|---|
| Bekaert Wire Rope Industry NV | Zwevegem, België | 100 |
| Bekaert Xinyu Hong Kong Ltd | Hong Kong, China | 100 |
| Blue Subsidiary Ltd | Londen, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Blue Topco Ltd | Londen, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Impala SA | Panama, Panama | 52 |
| Industrias Acmanet Ltda | Talcahuano, Chili | 52 |
| Inversiones Bekaert Andean Ropes SA | Santiago, Chili | 100 |
| InverVicson SA | Valencia, Venezuela | 80 |
| Procables Wire Ropes SA | Maipú, Chili | 100 |
| Procercos SA | Talcahuano, Chili | 52 |
| Met industriële activiteit | Adres | % |
|---|---|---|
| Latijns-Amerika | ||
| Belgo Bekaert Arames Ltda BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda |
Contagem, Brazilië Vespasiano, Brazilië |
45 45 |
| Verkoopkantoren, magazijnen en andere | Adres | % |
| EMEA | ||
| Netlon Sentinel Ltd | Blackburn, Verenigd Koninkrijk | 50 |
| Pacifisch Azië | ||
| Bekaert Engineering (India) Pvt Ltd | New Delhi, India | 40 |
| Dochterondernemingen | Adres | % |
|---|---|---|
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions Srl | Zola Predosa, Bologna, Italië | 50 |
| Blue Subsidiary Ltd | Londen, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Blue Topco Ltd | Londen, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Dochterondernemingen | Adres | |
|---|---|---|
| Bekaert (Jining) Steel Cord Co Ltd | Jining City, Yanzhou district (provincie | From 0% to 80% |
| Shandong, China) | ||
| Bekaert Kartepe Çelik Kord Sanayi ve Ticaret AS | Kartepe, Turkije | From 0% to 100% |
| Bekaert Wire Ropes Pty Ltd | Mayfield East, Australië | From 0% to 65% |
| Dochterondernemingen | Adres | |
|---|---|---|
| Bekaert Carding Solutions NV | Deerlijk, België | From 100% to 0% |
| Bekaert Carding Solutions Pvt Ltd | Pune, India | From 100% to 0% |
| Bekaert Tarak Aksesuarlari ve Makineleri Ticaret AS | Istanboel, Turkije | From 100% to 0% |
| Wuxi Bekaert Textile Machinery and Accessories Co Ltd | Wuxi (provincie Jiangsu), China | From 100% to 0% |
| Dochterondernemingen | Adres | |
|---|---|---|
| Acma Inversiones SA | Talcahuano, Chili | From 52% to 100% |
| Bekaert Applied Material Technology (Shanghai) Co Ltd | Shanghai, China | From 70% to 100% |
| Bekaert Ipoh Sdn Bhd | Kuala Lumpur, Maleisië | From 55% to 100% |
| Bekaert-Jiangyin Wire Products Co Ltd | Jiangyin (provincie Jiangsu), China | From 82% to 100% |
| Bekaert Shah Alam Sdn Bhd | Kuala Lumpur, Maleisië | From 55% to 100% |
| Bekaert Singapore Holding Pte Ltd | Singapore | From 55% to 100% |
| Bekaert Wire Ropes Pty Ltd | Mayfield East, Australië | From 65% to 100% |
| Cempaka Raya Sdn Bhd | Kuala Lumpur, Maleisië | From 55% to 100% |
| Procables SA | Callao, Peru | From 50% to 96% |
| Procables Wire Ropes S.A. | Maipú, Chili | From 52% to 100% |
| Prodinsa Ingeniería y Proyectos SA | Santiago, Chili | From 52% to 100% |
| Prodinsa SA | Maipú, Chili | From 52% to 100% |
| PT Bekaert Southern Wire | Karawang, Indonesië | From 55% to 100% |
| Wire Rope Industries Ltd/Industries de Câbles d'Acier Ltée | Pointe-Claire, Canada | From 52% to 100% |
| Dochterondernemingen | Adres | |
|---|---|---|
| BOSFA Pty Ltd | Port Melbourne, Australië | From 50% to 100% |
| Adres | |
|---|---|
| Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd |
Xinyu City (provincie Jiangxi), China Xinyu City (provincie Jiangxi), China |
| Dochterondernemingen | Gefusioneerd met |
|---|---|
| Acma Inversiones Canada SA | Procables Wire Ropes SA |
| Nieuwe naam | Vorige naam |
|---|---|
| Bekaert Applied Material Technology (Shanghai) Co Ltd | Shanghai Bekaert-Ergang Co Ltd |
| Bekaert Figline SpA | Bekaert Figline Srl |
| Bekaert Ipoh Sdn Bhd | Bekaert Southern Wire Sdn Bhd |
| Bekaert Shah Alam Sdn Bhd | Bekaert Southern Speciality Wire Sdn Bhd |
| Bekaert Singapore Holding Pte Ltd | Bekaert Southern Wire Pte Ltd |
| Inversiones Bekaert Andean Ropes SA | Inversiones Bekaert Andean Ropes Ltda |
| Ondernemingen | Adres |
|---|---|
| Barnards Unlimited | Bradford, Verenigd Koninkrijk |
| Bekaert Carding Solutions Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk |
| Bekaert Carding Solutions SAS | Armentières, Frankrijk |
| Bekaert Sàrl | Luxemburg, Luxemburg |
| Lane Brothers Engineering Industries | Bradford, Verenigd Koninkrijk |
| Sentinel Garden Products Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk |
| Sentinel Wire Fencing Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk |
| Sentinel (Wire Products) Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk |
| Solaronics GmbH | Achim, Duitsland |
| Tinsley Wire Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk |
In overeenstemming met de Belgische wetgeving geeft onderstaande tabel de kruispuntbanknummers van de Belgische ondernemingen weer.
| Ondernemingen | Kruispuntbanknummer |
|---|---|
| Bekaert Coördinatiecentrum NV | BTW BE 0426.824.150 RPR Kortrijk |
| Bekaert Investments NV | BTW BE 0406.207.096 RPR Kortrijk |
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA | BTW BE 0561.750.457 RPR Dendermonde |
| Bekaert Wire Rope Industry NV | BTW BE 0550 983 358 RPR Kortrijk |
| Bekintex NV | BTW BE 0452.746.609 RPR Dendermonde |
| NV Bekaert SA | BTW BE 0405.388.536 RPR Kortrijk |
| Scheldestroom NV | BTW BE 0403.676.188 RPR Kortrijk |
Het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap NV Bekaert SA worden hierna in verkorte vorm weergegeven.
Het verslag van de Raad van Bestuur ex artikel 96 van het Wetboek van vennootschappen is niet integraal opgenomen in het verslag ex artikel 119.
Exemplaren van het volledig verslag van de Raad van Bestuur en van de volledige statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA zijn op verzoek gratis beschikbaar op volgend adres:
NV Bekaert SA President Kennedypark 18 BE-8500 Kortrijk België www.bekaert.com
De commissaris heeft een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud gegeven met betrekking tot de statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA.
Conform de wet zullen het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de jaarrekening van NV Bekaert SA samen met het verslag van de commissaris worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.
| 2014 in duizend € - Jaren afgesloten op 31 december |
2015 |
|---|---|
| Omzet 413 834 |
419 945 |
| Bedrijfsresultaat 44 843 |
17 454 |
| Financieel resultaat 7 062 |
343 872 |
| Uitzonderlijke resultaat 18 046 |
-8 658 |
| Winstbelastingen 1 303 |
2 472 |
| Perioderesultaat 71 254 |
355 140 |
| in duizend € - 31 december | 2014 | 2015 |
|---|---|---|
| Vaste activa | 2 369 972 | 1 768 547 |
| Oprichtingskosten en immateriële vaste activa | 77 307 | 97 148 |
| Materiële vaste activa | 30 894 | 38 694 |
| Financiële vaste activa | 2 261 771 | 1 632 705 |
| Vlottende activa | 376 039 | 379 409 |
| Totaal der activa | 2 746 011 | 2 147 956 |
| Eigen vermogen | 530 209 | 835 111 |
| Kapitaal | 176 914 | 176 957 |
| Uitgiftepremies | 31 693 | 31 884 |
| Herwaarderingsmeerwaarden | 1 995 | 1 995 |
| Wettelijke reserve | 17 691 | 17 696 |
| Onbeschikbare reserves | 145 940 | 120 621 |
| Beschikbare reserves en overgedragen resultaten | 155 976 | 485 958 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 69 421 | 73 328 |
| Schulden | 2 146 381 | 1 239 517 |
| Schulden op meer dan een jaar | 1 045 764 | 715 764 |
| Schulden op ten hoogste een jaar | 1 100 617 | 523 753 |
| Totaal der passiva | 2 746 011 | 2 147 956 |
De waarderings- en omrekeningsregels toegepast in de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap zijn gebaseerd op het Belgisch boekhoudrecht.
De omzet van de in België gevestigde vennootschap bedroeg € 419,9 miljoen, een verhoging met 1% in vergelijking met 2014.
De bedrijfswinst bedroeg € 17,5 miljoen, tegenover een bedrijfswinst van € 44,8 miljoen vorig jaar. Dit is in hoofdzaak het gevolg van een toename van de afschrijvingen door de activering van de kosten voor onderzoek en ontwikkeling en de gemaakte kosten voor gerealiseerde en geanticipeerde overnametransacties.
De financiële resultaten stegen tot € 343,9 miljoen tegenover een winst van € 7,1 miljoen in 2014, omwille van hogere dividendinkomsten (2015: € 374,2 miljoen vergeleken met € 62,6 miljoen in 2014), de herwaardering van eigen aandelen (2015: € -9,2 miljoen vergeleken met € 2,2 miljoen in 2014) en andere financiële lasten.
De uitzonderlijke resultaten bedroegen € -8,7 miljoen, hoofdzakelijk als gevolg van de afschrijvingen van activa. Vorig jaar was het uitzonderlijk resultaat van € 18,0 miljoen hoofdzakelijk het gevolg van de winst uit de verkoop van immateriële en materiële vaste activa en uitzonderlijke afschrijvingen.
De combinatie van de bedrijfswinst, het financieel resultaat en het uitzonderlijk resultaat verklaren het perioderesultaat van € 355,1 miljoen in 2015 in vergelijking met € 71,3 miljoen in 2014.
De voorzieningen voor milieusaneringsprogramma's zijn gedaald tot € 22,6 miljoen (2014: € 23,2 miljoen).
Meer informatie omtrent de activiteiten van de onderneming inzake onderzoek en ontwikkeling vindt u in het hoofdstuk 'Technologie en Innovatie' in het 'Verslag van de Raad van Bestuur'.
De regels betreffende de dematerialisatie van aandelen aan toonder werden door de onderneming nageleefd alsook bevestigd door de commissaris in zijn verslag gedateerd op 17 december 2015.
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft NV Bekaert SA aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,50% toegevoegd. Hierna volgt een overzicht van de actuele kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer. Op 31 december 2015 bedroeg het totale aantal effecten met stemrecht 60 125 525.
| Percentage | ||
|---|---|---|
| Aantal | t.o.v. totaal | |
| Kennisgever | aandelen | aantal aandelen |
| Stichting Administratiekantoor Bekaert | 22 376 532 | 37,23% |
| Aliunde Ltd | 51 852 | 0,09% |
| Azem SA | 179 000 | 0,30% |
| Berfin SA | 108 470 | 0,18% |
| Gedecor SA | 163 000 | 0,27% |
| Kamiclar SA | 182 370 | 0,30% |
| Controlerende persoon van Millenium 3 SA | 22 055 | 0,04% |
| Millenium 3 SA | 130 200 | 0,22% |
| Serilico SA | 114 000 | 0,19% |
| Controlerende persoon van Tersaet BVBA | 58 443 | 0,10% |
| Tersaet BVBA | 1 200 | 0,00% |
| Velge International NV | 57 000 | 0,09% |
| Eén van de zeven controlerende personen van Zweve (maatschap) | 200 000 | 0,33% |
| Zweve (maatschap) | 220 000 | 0,37% |
| Individu 1 | 7 500 | 0,01% |
| Individu 2 | 70 320 | 0,12% |
| Individu 3 | 260 360 | 0,43% |
| Individu 4 | 45 200 | 0,08% |
| Individu 5 | 19 430 | 0,03% |
| Individu 6 | 38 400 | 0,06% |
| Individu 7 | 100 637 | 0,17% |
| Individu 8 | 107 850 | 0,18% |
| Individu 9 | 78 582 | 0,13% |
| Individu 10 | 10 000 | 0,02% |
| Individu 11 | 16 000 | 0,03% |
| Individu 12 | 177 457 | 0,30% |
| Totaal | 24 795 858 | 41,25% |
De kennisgevende partijen handelen in onderling overleg in die zin dat ze een akkoord hebben gesloten (a) dat ertoe strekt de controle te verkrijgen, het welslagen van een bod te dwarsbomen dan wel de controle te handhaven, en (b) aangaande de onderling afgestemde uitoefening van stemrechten, om een duurzaam gemeenschappelijk beleid te voeren.
Stichting Administratiekantoor Bekaert wordt niet gecontroleerd. Aliunde Ltd wordt gecontroleerd door een natuurlijke persoon. Azem SA wordt gecontroleerd door een natuurlijke persoon. Berfin SA wordt gecontroleerd door een natuurlijke persoon. Gedecor SA wordt gecontroleerd door twee natuurlijke personen. Kamiclar SA wordt gecontroleerd door een natuurlijke persoon. Millenium 3 SA wordt gecontroleerd door een natuurlijke persoon, via Charisa SA. Serilico SA wordt gecontroleerd door een natuurlijke persoon. Tersaet BVBA wordt gecontroleerd door een natuurlijke persoon. Velge International NV wordt gecontroleerd door een natuurlijke persoon, via Noral SA en haar 100% dochtervennootschap Triplex SA. Zweve (maatschap) is de mede-eigendom van zeven natuurlijke personen.
| Kennisgever | Aantal aandelen |
Percentage t.o.v. totaal aantal aandelen |
|---|---|---|
| Kiltearn Partners LLP | 1 856 567 | 3,09% |
| Kiltearn Limited | 0 | 0,00% |
| Totaal | 1 856 567 | 3,09% |
Kiltearn Limited heeft de transparantiekennisgeving gedaan in haar hoedanigheid van moederonderneming of controlerende persoon van Kiltearn Partners LLP.
| Kennisgever | Aantal aandelen |
Percentage t.o.v. totaal aantal aandelen |
|---|---|---|
| Stichting Administratiekantoor Bekaert | 21 773 265 | 36,21% |
| Totaal | 21 773 265 | 36,21% |
De kennisgevende partijen hebben hoger genoemd akkoord van onderling overleg beëindigd. Hierdoor werd de deelnemingsdrempel van 40% onderschreden. Stichting Administratiekantoor Bekaert wordt niet gecontroleerd.
Op 8 december 2007 had de Stichting Administratiekantoor Bekaert krachtens artikel 74 van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen gemeld op 1 september 2007 alleen in het bezit te zijn van meer dan 30% van de effecten met stemrecht van Bekaert.
Het resultaat van het boekjaar na belastingen bedraagt € 355 139 604 tegenover € 71 254 650 vorig boekjaar.
De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering van 11 mei 2016 het resultaat als volgt zal bestemmen:
| Uit te keren winst | 50 472 472 |
|---|---|
| Over te dragen winst | -342 311 280 |
| Toevoeging aan de wettelijke reserve | -4 300 |
| Overgedragen winst van het vorig boekjaar | 37 648 448 |
| Te bestemmen resultaat van het boekjaar | 355 139 604 |
| in € |
De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering een brutodividend zal uitkeren van € 0,90 per aandeel (2014: € 0,85 per aandeel).
Het dividend is in euro betaalbaar op 17 mei 2016 bij de loketten van:
De ambtstermijn van de bestuurders Heren François de Visscher, Bernard van de Walle de Ghelcke en Baudouin Velge, en van de onafhankelijk bestuurders Lady Barbara Judge and Heer Manfred Wennemer vervallen na afloop van de Gewone Algemene Vergadering van 11 mei 2016.
De Raad van Bestuur heeft de Algemene Vergadering voorgesteld:
De Raad van Bestuur heeft de Algemene Vergadering voorgesteld Deloitte Bedrijfsrevisoren BV o.v.v.e. CVBA, vertegenwoordigd door Mevrouw Charlotte Vanrobaeys te herbenoemen als statutaire auditor voor een periode van drie jaar, tot en met de Gewone Algemene Vergadering in 2019.
Bedrijfsrevisoren / Reviseurs d'Entreprises Berkenlaan 8b B-1831 Diegem
Tel.: +32 2 800 20 00 Fax: +32 2 800 20 01 http://www.deloitte.be
Aan de aandeelhouders
Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening, en omvat tevens ons verslag over andere door wet- en regelgeving gestelde eisen. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2015, de geconsolideerde winst- en verliesrekening, het geconsolideerde overzicht van het totaalresultaat, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor het boekjaar eindigend op die datum, alsmede een overzicht van de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en toelichtingen.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA ("de vennootschap") en haar dochterondernemingen (samen "de groep"), opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. De totale activa in de geconsolideerde balans bedragen 3.881.119 (000) EUR en de geconsolideerde winst (aandeel van de groep) van het boekjaar bedraagt 101.969 (000) EUR.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor het implementeren van een interne controle die ze noodzakelijk acht voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat, die het gevolg is van fraude of van fouten.
Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle volgens de internationale controlestandaarden (International Standards on Auditing - ISA) uitgevoerd. Die standaarden vereisen dat wij aan de deontologische vereisten voldoen alsook de controle plannen en uitvoeren teneinde een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijking van materieel belang bevat.
Deloitte Bedrijfsrevisoren / Reviseurs d'Entreprises
Société civile sous forme d'une société coopérative à responsabilité limitée
Burgerlijke vennootschap onder de vorm van een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid /
Registered Office: Berkenlaan 8b, B-1831 Diegem
VAT BE 0429.053.863 – RPR Brussel/RM Bruxelles – IBAN BE 17 2300 0465 6121 – BIC GEBABEBB
Een controle omvat werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de beoordeling door de commissaris, met inbegrip van diens inschatting van de risico's van een afwijking van materieel belang in de geconsolideerde jaarrekening als gevolg van fraude of van fouten. Bij het maken van die risico-inschatting neemt de commissaris de interne controle van de groep in aanmerking die relevant is voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft, teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet gericht zijn op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne controle van de groep. Een controle omvat tevens een evaluatie van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving, de redelijkheid van de door de raad van bestuur gemaakte schattingen, alsmede de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening als geheel. Wij hebben van de aangestelden en van de raad van bestuur van de groep de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om daarop ons oordeel te baseren.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de groep per 31 december 2015, en van haar resultaten en kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en voor de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening.
In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden, is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, de naleving van bepaalde wettelijke en reglementaire verplichtingen na te gaan. Op grond hiervan doen wij de volgende bijkomende verklaring die niet van aard is om de draagwijdte van ons oordeel over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:
Diegem, 23 maart 2016
DELOITTE Bedrijfsrevisoren / Reviseurs d'Entreprises BV o.v.v.e. CVBA / SC s.f.d. SCRL Represented by Joël Brehmen
Joël Brehmen
| Matthew Taylor | Gedelegeerd Bestuurder |
|---|---|
| Bruno Humblet | Chief Financial Officer & Algemeen Directeur Regio Latijns-Amerika |
| Lieven Larmuseau | Algemeen Directeur Rubber Reinforcement Platforms |
| Curd Vandekerckhove | Algemeen Directeur Regio's Noord-Azië en Algemene Operaties |
| Geert Van Haver | Chief Technology & Engineering Officer |
| Piet Van Riet | Algemeen Directeur Industrial and Specialty Products Platforms |
| Stijn Vanneste | Algemeen Directeur Europa, Zuid-Azië en Zuidoost-Azië |
| Frank Vromant | Algemeen Directeur Americas |
| Bart Wille | Chief Human Resources Officer |
| Axel Ampolini | Senior Vice President South East Asia | |
|---|---|---|
| Marco Cipparrone | Senior Vice President Rubber Reinforcement Europe | |
| Bruno Cluydts | Chief Integration Officer | |
| Philip Eyskens | Senior Vice President Legal, IT and Mergers & Acquisitions | |
| Oliver Forberich | Senior Vice President Bekaert Stainless Technologies | |
| Ton Geurts | Chief Purchasing Officer & Senior Vice President Supply Chain Excellence |
|
| Jun Liao | Senior Vice President Rubber Reinforcement North Asia | |
| Patrick Louwagie | Senior Vice President Brazil | |
| Dirk Moyson | Senior Vice President Manufacturing Excellence | |
| Alejandro Sananez | Senior Vice President Latin America | |
| Demet Tunç | Chief Marketing Officer & Senior Vice President Customer Excellence |
|
| Geert Voet | Senior Vice President Global Ropes Platform |
Isabelle Vander Vekens
Deloitte Bedrijfsrevisoren
T +32 56 23 05 71 [email protected] F +32 56 23 05 48 [email protected] [email protected]
Katelijn Bohez www.bekaert.com
Het jaarverslag betreffende het boekjaar 2015 is beschikbaar op internet in het Engels en het Nederlands op annualreport.bekaert.com
Uitgever & Coördinatie: Katelijn Bohez, Chief Communications & Investor Relations Officer
| Boekwaarde per aandeel | Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep gedeeld door het aantal uitstaande aandelen op balansdatum. |
|
|---|---|---|
| Dividendrendement | Brutodividend als een percentage van de aandelenkoers op 31 december. | |
| Dochterondernemingen | Ondernemingen waarin Bekaert de zeggenschap heeft en over het algemeen meer dan 50% van de stemrechten bezit. |
|
| EBIT | Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation). | |
| EBIT interestdekking | Bedrijfsresultaat gedeeld door de nettorentelasten. | |
| EBITDA (Bedrijfscashflow) | Bedrijfsresultaat (EBIT) + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill. |
|
| Eenmalige opbrengsten en kosten Bedrijfsopbrengsten en –kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieu voorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben. |
||
| Equity-methode | Waarderingsmethode waarbij de deelneming (in een joint venture of geassocieerde onderneming) initieel opgenomen wordt tegen kostprijs en later aangepast wordt voor wijzigingen in het aandeel van de investeerder in de nettoactiva (= het eigen vermogen) van de joint venture of geassocieerde onderneming. De winst-en-verliesrekening toont het aandeel van de investeerder in het nettoresultaat van de joint venture of geassocieerde onderneming. |
|
| Financiële autonomie | Eigen vermogen in verhouding tot totaal activa. | |
| Gearing | Nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen. | |
| Geassocieerde ondernemingen | Ondernemingen waarin Bekaert een invloed van betekenis heeft, meestal vertegenwoordigd door een belang van minstens 20%. Geassocieerde ondernemingen worden gewaardeerd volgens de equity-methode. |
|
| Gezamenlijke cijfers | Som van de geconsolideerde vennootschappen plus 100% van de joint ventures en de geassocieerde ondernemingen, na eliminatie van onderlinge transacties (indien van toepassing). Voorbeelden: omzet, investeringen, personeelsaantal. |
|
| Joint ventures | Ondernemingen met een gezamenlijke zeggenschap waarbij Bekaert ongeveer 50% bezit. Joint ventures worden gewaardeerd volgens de equity methode. |
|
| Kapitaalgebruik | Werkkapitaal + nettoboekwaarde van goodwill, immateriële en materiële vaste activa. Het gemiddeld kapitaalgebruik wordt gewogen met het aantal perioden dat een entiteit bijgedragen heeft tot het geconsolideerd perioderesultaat. |
|
| Nettokapitalisatie | Nettoschuld + eigen vermogen. | |
| Nettoschuld | Rentedragende schulden, veminderd met vorderingen uit leningen, geldbeleggingen, financiële vorderingen op ten hoogste één jaar en kaswaarborgen op meer dan één jaar, geldmiddelen en kasequivalenten. Louter voor de berekening van de schuld wordt bij de waardering van de rentedragende schulden rekening gehouden met het effect van cross currency interest-rate swaps (of gelijkaardige financiële instrumenten) die deze schulden omzetten in de functionele valuta van de entiteit. |
|
| REBIT | Bedrijfsresultaat (EBIT) vóór eenmalige opbrengsten en kosten. | |
| ROCE | Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gemiddeld kapitaalgebruik. (Return on Capital Employed). |
|
| ROE | Perioderesultaat in verhouding tot gemiddeld eigen vermogen (Return on Equity). |
|
| Toegevoegde waarde | Bedrijfsresultaat (EBIT) + bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill. |
|
| Werkkapitaal (operationeel) | Voorraden + handelsvorderingen + ontvangen bankwissels + betaalde voorschotten - handelsschulden – ontvangen voorschotten – schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid – belastingen m.b.t. personeel. |
De ondertekenende personen verklaren dat, voorzover hen bekend:
Namens de Raad van Bestuur:
Matthew Taylor Bert De Graeve
Gedelegeerd Bestuurder Voorzitter van de Raad van Bestuur
Dit rapport kan toekomstgerichte verklaringen bevatten. Die verklaringen reflecteren de huidige inzichten van de bedrijfsleiding aangaande toekomstige gebeurtenissen, en zijn onderhevig aan bekende en onbekende risico's, onzekerheden en andere factoren die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten aanzienlijk verschillen van toekomstige resultaten of prestaties die door die toekomstgerichte verklaringen worden uitgedrukt of die daaruit zouden kunnen worden afgeleid. Bekaert verstrekt de in dit rapport opgenomen informatie per huidige datum en neemt geen enkele verplichting op om de toekomstgerichte verklaringen in het licht van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderszins te actualiseren. Bekaert wijst elke aansprakelijkheid af voor verklaringen die door derden worden afgelegd of gepubliceerd, en neemt geen enkele verplichting op om onnauwkeurige gegevens, informatie, conclusies of opinies te corrigeren die door derden worden gepubliceerd met betrekking tot dit of enig ander rapport of persbericht dat door Bekaert wordt verspreid.
| Activiteitenverslag 1ste kwartaal 2016 | 11 mei 2016 |
|---|---|
| Algemene Vergadering van aandeelhouders | 11 mei 2016 |
| Ex-dividend | 12 mei 2016 |
| Betaalbaarstelling dividend | 17 mei 2016 |
| Halfjaarresultaten 2016 | 29 juli 2016 |
| Activiteitenverslag 3de kwartaal 2016 | 18 november 2016 |
| Resultaten 2016 | 24 februari 2017 |
| Jaarverslag 2016 beschikbaar op het net | 24 maart 2017 |
| Activiteitenverslag 1ste kwartaal 2017 | 10 mei 2017 |
| Algemene Vergadering van aandeelhouders | 10 mei 2017 |
| Ex-dividend | 11 mei 2017 |
| Betaalbaarstelling dividend | 15 mei 2017 |
| Halfjaarresultaten 2017 | 28 juli 2017 |
| Activiteitenverslag 3de kwartaal 2017 | 17 november 2017 |
www.bekaert.com
Aandeelhoudersbrochure 2015: investor's data center op bekaert.com
President Kennedypark 18 BE-8500 Kortrijk België T +32 56 23 05 11 F +32 56 23 05 43 [email protected] www.bekaert.com
© Bekaert 2016
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.