Annual Report • Mar 27, 2015
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
2014 was een jaar van solide organische groei voor Bekaert. We hebben onze strategische posities in hoogcompetitieve markten verdedigd en ondanks een zwakker laatste kwartaal stegen onze volumes met 3%, in lijn met de stijgende vraag in automobielmarkten.
De omzet bleef ongeveer stabiel in vergelijking met 2013 en reflecteerde de prijserosie waarmee we geconfronteerd werden in China, de ongunstige wisselkoersschommelingen en de daling van de grondstofprijzen die we doorrekenen aan onze klanten. Het operationeel resultaat bedroeg € 171 miljoen, een stijging met 25% tegenover vorig jaar; de operationele cash flow steeg tot bijna 11% van de omzet. Deze cijfers reflecteerden evenwel positieve eenmalige effecten in vergelijking met vorig jaar.
Globaal genomen legden we betere resultaten voor dan in 2013, maar we slaagden er voorlopig niet in onze langetermijn rentabiliteitsdoel te behalen. Uit de vooruitzichten blijkt dat noch de wereldwijde marktomstandigheden noch de prijsconcurrentie in China het tij zullen helpen keren.
We moeten beter doen en we weten dat we beter kunnen doen. Daarom hebben we een plan uitgewerkt om de performantie van Bekaert te verhogen.
Ons doel is om consistent waarde te creëren voor de aandeelhouders en we zijn er vast van overtuigd dat dit begint bij waardecreatie voor onze klanten.
Daarom hebben we de lat hoger gelegd en hebben we ambitieuze doelen gesteld voor 2015 en de komende jaren.
We zijn vastberaden om ons markt- en technologisch leiderschap te benutten, omdat we op basis van ons verleden en uit ervaring weten dat dit zal leiden tot duurzame rendabele groei.
We vangen 2015 aan met de versterking van onze leidinggevende positie in bandenmarkten dankzij de integratie van de staalkoordactiviteiten van Pirelli – Bekaerts grootste acquisitie ooit. Dit zal ons toelaten om bijkomende schaalvoordelen te benutten in onze staalkoordactiviteiten en onze technologische positionering en dienstverlening voor deze sector te verbeteren. We hebben ook een wereldwijde leidinggevende positie in kabels voor de mijnbouw veroverd na de overname van een kabelfabriek in Australië.
Groei door overnames is uiteraard niet onze enige strategie. Afgelopen jaar hebben we de strategieën verfijnd die we zullen toepassen om groei te genereren op het vlak van omzet, marges en rendement op geïnvesteerd kapitaal. Deze strategieën vormen de basis voor een sterkere business.
We hebben 5 kernstrategieën vastgelegd die onze onderneming sterker zullen maken en ons in staat zullen stellen onze doelstellingen te bereiken. Deze strategieën bepalen vanaf nu de richting en de prioriteiten voor de onderneming:
Deze vijf strategieën zetten een veranderingsproces in voor onze onderneming. We organiseren ons om ze te verwezenlijken ten behoeve van onze klanten en al onze stakeholders.
De strategie is duidelijk, de objectieven zijn duidelijk en de volledige Raad van Bestuur en het management team zijn vastberaden om te slagen in ons opzet.
Op basis van de financiële resultaten van 2014 en het vertrouwen in de vooropgestelde richting, heeft de Raad van Bestuur beslist om aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders in mei 2015 een bruto dividend van € 0,85 per aandeel voor te stellen. Op deze manier beklemtonen we ons engagement in het laten terugvloeien van waarde naar onze aandeelhouders in ruil voor het kapitaal dat ze ons verschaffen om onze business te runnen en te laten groeien.
We willen onze klanten, partners en aandeelhouders bedanken voor hun blijvend vertrouwen. En we willen onze medewerkers bedanken voor hun engagement en gedrevenheid om de uitdaging aan te gaan onze objectieven te bereiken.
Matthew Taylor, Gedelegeerd Bestuurder Bert De Graeve, Voorzitter
De voornaamste taken van de Raad van Bestuur zijn het bepalen van het algemeen beleid van de onderneming, het goedkeuren van de strategie en het opvolgen van de evolutie van de verschillende activiteiten. De Raad van Bestuur is het belangrijkste beslissingsorgaan van de onderneming. Enkel aangelegenheden die door de wet of de statuten zijn voorbehouden aan de Algemene Vergadering van aandeelhouders, vallen niet onder zijn bevoegdheid. De Raad van Bestuur telt veertien leden.
Van links naar rechts: François de Visscher - Bernard van de Walle de Gelcke - Baudouin Velge - Lady Barbara Thomas Judge - Alan Begg - Matthew Taylor, Gedelegeerd Bestuurder - Bert De Graeve, Voorzitter - Ms Mei Ye - Roger Dalle - Maxime Jadot - Manfred Wennemer - Charles de Liedekerke - Hubert Jacobs van Merlen - Leon Bekaert
Op 14 mei 2014 werd Bert De Graeve Voorzitter van de Raad van Bestuur in opvolging van Paul Buysse die met pensioen ging, in lijn met de bij Bekaert geldende leeftijdsgrens.
Matthew Taylor werd benoemd als Gedelegeerd Bestuurder en lid van de Raad van Bestuur, in opvolging van Bert De Graeve.
Nog op 14 mei 2014 werd mevrouw Mei Ye onafhankelijk lid van de Raad van Bestuur terwijl Anthony Galsworthy terugtrad uit de Raad, conform de bij Bekaert geldende pensioenleeftijd.
De wijzigingen in de Raad van Bestuur hebben ook geleid tot verschillende wijzigingen in de samenstelling van de Comités van de Raad van Bestuur.
In het kader van de bereikte pensioenleeftijd die Bekaert toepast, traden Graaf Buysse en Sir Anthony Galsworthy terug uit de Raad van Bestuur in mei 2014.
Graaf Buysse ging met pensioen na 14 jaar Voorzitterschap van de Raad van Bestuur en werd tot Erevoorzitter benoemd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 14 mei 2014.
Sir Anthony Galsworthy ging op dezelfde dag met pensioen, na 10 jaar lid te zijn geweest van de Raad van Bestuur.
Matthew Taylor werd benoemd als Gedelegeerd Bestuurder in opvolging van Bert De Graeve die Voorzitter werd van de Raad van Bestuur.
Samenstelling op 31 december 2014: rechtstaand, van links naar rechts: Dominique Neerinck - Bart Wille - Lieven Larmuseau - Curd Vandekerckhove - Piet Van Riet. Zittend, van links naar rechts: Geert Van Haver - Matthew Taylor - Bruno Humblet - Frank Vromant
Het Bekaert Group Executive draagt de operationele verantwoordelijkheid voor de activiteiten van de onderneming. Het uitvoerend management – voorgezeten door de Gedelegeerd Bestuurder – telde negen leden op 31 december 2014. Het Bekaert Group Executive treedt op onder toezicht van de Raad van Bestuur.
Op 14 mei 2014 werd Matthew Taylor Gedelegeerd Bestuurder van Bekaert in opvolging van Bert De Graeve, die Voorzitter van de Raad van Bestuur werd.
Nota: De samenstelling van het BGE zal veranderen in 2015. Informatie is beschikbaar in het Corporate Governance hoofdstuk op pagina 38.
Bekaert is een wereldmarkt- en technologisch leider in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën. Door het continu creëren van toegevoegde waarde streven we ernaar de voorkeurleverancier voor
staaldraadproducten en –oplossingen te zijn voor onze klanten wereldwijd. Bekaert (Euronext Brussels: BEKB) werd opgericht in 1880 en is een globale onderneming die wereldwijd 30 000 medewerkers telt, met hoofdzetel in België en een jaaromzet van € 4 miljard.
Staaldraad … We transformeren het, passen geavanceerde deklaagtechnologieën toe, en specialiseren ons in het voortdurend verbeteren van alle mogelijke eigenschappen van staaldraadproducten. Ontdek de Wereld van Bekaert…
Bekaert past unieke technologieën toe om op wereldwijde schaal een kwaliteitsportefeuille van getrokken staaldraadproducten en deklaagoplossingen aan te bieden. We kopen jaarlijks ongeveer 3 miljoen ton walsdraad, onze belangrijkste grondstof, aan. Afhankelijk van de wensen van onze klanten, trekken we draad tot diverse diameters en sterktes, zelfs tot ultrafijne vezels van 1 micron. We bundelen draden tot koord, kabels en strengen, weven of breien ze tot een weefsel of verwerken ze als eindproduct. Onze deklagen verminderen wrijving, verhogen de corrosiebestendigheid of bevorderen de adhesie met andere materialen.
better together beschrijft de unieke samenwerking tussen Bekaert en haar zakenpartners. We creëren waarde voor onze klanten door het leveren en co-creëren van een kwaliteitsportfolio van staaldraadoplossingen en door het bieden van dienstverlening op maat in alle continenten. We geloven in blijvende relaties met onze klanten, leveranciers en andere stakeholders en we verbinden ons ertoe om hen langetermijn waarde te leveren. We zijn ervan overtuigd dat de veerkracht, het vertrouwen en de integriteit die onze 30 000 medewerkers wereldwijd verenigen als één team, de fundamenten vormen van duurzame en succesvolle partnerschappen, waar ook ter wereld.
Onze strategie is erop gericht om consistent waarde te creëren voor onze aandeelhouders, door op een kostefficiënte manier superieure waarde te creëren voor onze klanten.
Onze herziene visie en kernstrategieën vormen de fundering om onze business naar een hoger performantieniveau te brengen. Ze zijn de basis voor de prioriteiten van de onderneming en de acties voor de komende jaren.
Geleid door onze better together aspiratie streven we er onophoudelijk naar om de voorkeurleverancier te zijn voor onze staaldraadproducten en –oplossingen. We doen dit door voortdurend superieure waarde te creëren voor onze klanten wereldwijd.
Vijf kernstrategieën vormen de basis van Bekaerts beslissingsprocessen die gericht zijn op het creëren van waarde en groei. Deze strategieën brengen onze visie in de praktijk en bepalen vanaf nu de richting en de prioriteiten voor de onderneming:
Tijdens de laatste 12 maanden heeft het Bekaert management het ontwerp voor deze strategische vernieuwing bepaald en de veranderende prioriteiten in het planningsproces geïmplementeerd. De onderneming heeft de koers naar een hoger performantieniveau ingezet, en heeft in 2014 al acties opgestart waarvan verwacht wordt dat ze hun volle potentieel zullen halen in de komende jaren:
De aankoop van de globale Pirelli staalkoordactiviteiten is de grootste overname in de geschiedenis van Bekaert. Deze overname verstevigd Bekaerts status als voorkeurleverancier in de bandenindustrie en verhoogt ons globaal marktaandeel in staalkoord voor banden tot ongeveer 30%. De integratie van de vijf Pirelli staalkoordfabrieken zal de productmix vanaf het begin van 2015 positief beïnvloeden.
Bekaert is wijzigingen in de organisatie en in de processen aan het implementeren, met als doel die te vereenvoudigen, een gestandaardiseerde methodologie te creëren, meer capaciteit vrij te maken en een meer gerichte portfolio van producten te bepalen.
We willen toegevoegde waarde bieden aan onze klanten door samen de beste oplossingen te creëren tegen de laagste kost. We willen de voorkeurleverancier voor onze klanten zijn door hun verwachtingen en noden te begrijpen en eraan te voldoen. We leveren niet alleen producten; we willen ook uitstekende oplossingen en service bieden. In 2015 zal Bekaert haar klanten meer en meer betrekken in co-ontwikkeling en initiatieven die waarde creëren.
De business van onze klanten is onze drijfveer. Daarom betrekken we onze klanten in het samen creëren van de beste oplossingen aan de laagste kost.
Bekaert is sterk aanwezig in verschillende sectoren. Daardoor zijn we minder gevoelig voor sector-specifieke trends en het is ook een voordeel voor onze klanten. Oplossingen die we ontwikkelen voor klanten in één sector vormen namelijk ook vaak de basis voor innovaties in andere sectoren.
Bekaert staat in dienst van klanten in een veelheid aan sectoren met een uniek portfolio van getrokken staaldraadproducten, gecoat om zo optimaal mogelijk aan de noden van de toepassingen te voldoen. Bekaerts staaldraad wordt gebruikt in auto's en vrachtwagens, in liften en mijnen, in tunnels en bruggen, thuis en op kantoor, in machines en in offshore. Wat ook rijdt, stijgt, hijst, filtert, versterkt, afbakent of vastmaakt, dan is er een grote kans dat het Bekaert producten bevat.
| Gezamenlijke omzet: | € 1 049 miljoen |
|---|---|
| Investeringen in materiële vaste activa: | € 33 miljoen |
| Totale activa: | € 877 miljoen |
| Medewerkers: | 6 900 |
De economische prestaties van Europa verbeterden enigszins in 2014, met verschillen tussen de Europese deelstaten. De politieke onstabiliteit in Rusland en Oekraïne en de aanhoudende financiële onzekerheid hebben een meer coherente groei in EMEA belemmerd. De automobiel- en bouwmarkten, sectoren die uiterst relevant zijn voor Bekaerts activiteiten, kenden een heropleving ten opzichte van 2013. De industriële productie-index verbeterde in de meeste landen en tekende meer bepaald in Centraal-Europa solide groei op. Bekaert is aanwezig in zowel de mature West-Europese markten als in Centraal- en Oost-Europese markten. De onderneming biedt een hoogkwalitatief portfolio van geavanceerde staaldraadproducten aan voor sectoren die voortdurend op zoek zijn naar betere, veiligere en lichtere materialen. Bijgevolg blijven er altijd opportuniteiten voor innovatieve technologieën bestaan. De Europese marktvraag was heel sterk voor Bekaert gedurende 2014. Dit was het geval in de meeste sectoren maar vooral in de automobielsector, de energiemarkten en andere industriële sectoren. Dit zorgde voor een sterke volumegroei van staalkoord, gespecialiseerde platte – en profieldraden, geavanceerde fijnkoord- en andere staaldraadtoepassingen. Ook Bekaerts bouwproductenplatform presteerde goed dankzij een innovatiegedreven product-mix.
Bekaert heeft sinds begin 2010 productieactiviteiten in Rusland en heeft een groeiend klantenbestand in de regio opgebouwd. Bekaert Lipetsk levert staalkoord aan alle bandenproducenten in Rusland en is uitgegroeid tot de belangrijkste leverancier van geavanceerde rubberversterkingsproducten in het land. Van bij de start van de investering heeft Bekaert lokale walsdraadleveranciers bijgestaan in hun productontwikkelingen, zodat we op een kwalitatieve lokale toelevering kunnen rekenen voor onze grondstofnoden. Deze aanpak is succesvol gebleken en is dan ook de reden waarom handelsbeperkingen geen invloed hebben op de continuïteit en groei van onze activiteiten in Rusland.
Bekaert in Rusland: autonoom
De Europese marktvraag was in de meeste sectoren sterk gedurende het hele jaar 2014. De vraag in de automobielsector in het bijzonder zorgde voor volumegroei van staalkoord- en andere staaldraadtoepassingen in de regio. Onze activiteiten in EMEA boekten sterke resultaten op basis van de volumetoename, het blijvend effect van de besparingspogramma's van de afgelopen jaren, en een gunstige product-mix. Bekaert tekende een REBITstijging voor de regio op van 30% en tilde de winstmarges naar recordhoogte. EMEA leverde zo de grootste bijdrage aan het geconsolideerde resultaat van de Groep over het boekjaar 2014.
Winstmarges op recordhoogte dankzij 30% REBITstijging
Bekaert investeerde in toekomstige groei met capaciteitsuitbreidingen voornamelijk in Slovakije en België. Europa zal zelfs nog een grotere bijdrage leveren aan de geconsolideerde cijfers van de Groep dankzij de integratie van de staalkoordactiviteiten van Pirelli in Roemenië, Italië en Turkije.
Belang van de Pirelli transactie voor de regio Bekaert heeft Pirelli's staalkoordactiviteiten overgenomen en wordt wereldwijd de langetermijn leverancier van staalkoord aan Pirelli. De overname omvat de staalkoordvestigingen in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië) en Izmit (Turkije) in EMEA. Buiten Europa omvat de transactie productiefaciliteiten in Brazilië en China. De integratie van de staalkoordactiviteiten en de langetermijn leveringsovereenkomst zullen de status van Bekaert als voorkeurleverancier voor de bandenindustrie verder versterken en het aandeel van de regio EMEA in de geconsolideerde cijfers nog doen toenemen.
Bekaert en Maccaferri hebben een joint venture (50/50) opgericht voor de verkoop en distributie van totaaloplossingen voor constructieversterking in ondergrondse toepassingen zoals tunnels voor wegen spoorwegverkeer, metro-, leiding- en mijntunnels en waterkracht- centrales.
De joint venture bundelt de verkoop- en distributieactiviteiten van Bekaert Dramix® staalvezels voor betonversterking in ondergrondse projecten – bijvoorbeeld de spuitbeton en prefab toepassingen – met de complementaire oplossingen voor ondergrondse toepassingen van Maccaferri .
De joint venture, met hoofdkantoor in België, richt zich wereldwijd op ondergrondse constructiemarkten, met uitzondering van China en verschillende Latijns-Amerikaanse landen waar Bekaert en Maccaferri onafhankelijk zullen blijven handelen.
"verkoop- en distributiepartnerschap voor ondergrondse toepassingen"
Bekaert en Groz-Beckert hebben, na balansdatum, een overeenkomst ondertekend met betrekking tot de verkoop van de Carding Solutions activiteiten van Bekaert aan Groz-Beckert, een globale onderneming met hoofdzetel in Albstadt, Duitsland. De overeenkomst betreft de productievestigingen van Carding Solutions in België, India, China en de VS, en het wereldwijde verkoop- en dienstennetwerk. De overeenkomst heeft betrekking op het personeel en de activa van het platform.
De desinvestering kadert in de strategie van Bekaert om een waardecreëerend portfolio van producten en activiteiten samen te stellen en uit te bouwen waarbinnen de Groep haar kerncompetenties in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën ten volle kan benutten.
| Gezamenlijke omzet: | € 555 miljoen |
|---|---|
| Investeringen in materiële vaste activa: | € 26 miljoen |
| Totale activa: | € 303 miljoen |
| Medewerkers: | 1 600 |
De economie kende een trage start in het begin van 2014 door de lange en strenge winter in de oostelijke helft van het continent. Dit vertraagde de consumentenbestedingen en bouwactiviteiten gedurende de eerste maanden, alsook de investeringen in de landbouwsector. Vanaf het tweede kwartaal werd een heropleving ingezet en over het gehele jaar verbeterde de economie in Noord-Amerika ten opzichte van 2013. De VS noteerden een groei van het BNP met ongeveer 2,5% ten gevolge van herstel in consumentenbestedingen en uitgaven van bouwactiviteiten. Ook de industriële activiteit nam toe in vergelijking met het jaar ervoor. De vraag in de automobielsector in het bijzonder, was sterk in 2014. De Noord-Amerikaanse staalsector zag de invoer van staalproducten verder toenemen, een trend die zich verderzet ten gevolge van de sterkere US\$ sinds de tweede helft van 2014.
De hogere vraag van automobielmarkten en de solide omzet van onze Noord-Amerikaanse kabelactiviteiten konden de daling van de vraag voor Bekaert producten in andere Noord-Amerikaanse industriële, bouw- en landbouwmarkten niet goedmaken in 2014. De landbouwmarkten vertoonden geen herstel na de strenge winter en de vraag naar kabelbewapeningsproducten bleef op het lage peil van 2013.
Bekaerts activiteiten realiseerden hogere volumes in vergelijking met een zwak 2013. Het rendement van het segment bleef echter ondermaats door de onderbenutting van de productiecapaciteit en door prijsdruk omwille van importstromen. In november 2014 werd Bekaert getroffen door een brand die structurele schade veroorzaakte aan delen van de fabriek in Rome (Georgia, VS). Deze vestiging is gespecialiseerd in hieldraad voor de bandenindustrie en rubberversterkingsproducten voor de markt van hydraulische rubberslangen.
De investeringen in materiële vaste activa bedroegen € 26 miljoen en hadden vooral betrekking op kabel-, staalkoord-, en hieldraadactiviteiten.
In 2014 hebben we geïnvesteerd in de productiecapaciteit van staalkoord- en hieldraad, respectievelijk in onze vestigingen in Rogers (Arkansas, VS) en Rome (Georgia, VS). Bekaert heeft een leidende marktpositie in de staalkoordmarkt voor bandenversterking en breidt met deze investeringen het aanbod aan lokaal geproduceerde producten uit ten behoeve van de bandenfabrikanten in de VS.
Bekaert investeerde eveneens in andere productievestigingen, zowel in de VS als in Canada. Belangrijke investeringen vonden plaats in Van Buren (Arkansas, VS), een vestiging die een brede waaier aan industriële staaldraadproducten produceert, en via een asset deal in de kabelfabriek in Belton (Texas, VS).
In maart 2014 is Bekaert gestart met de productie van staalkabels in de VS via haar filiaal Wire Rope Industries. De onderneming richtte een productieeenheid in Belton (Texas) op en zal er haar technologische en productiecompetenties in staalkabels voor de olie- en gassector benutten onder het operationeel beheer van Bekaerts Canadese Wire Rope Industries organisatie.
Op 19 november werd Bekaert getroffen door een brand met structurele schade aan delen van de fabriek in Rome (Georgia). Alle werknemers werden tijdig geëvacueerd en niemand raakte gewond. De productielijnen voor hieldraad en de aanpalende draadtrekafdeling werden door het vuur en het neergestorte dak beschadigd. Bekaert heeft onmiddellijk de nodige maatregelen getroffen om onze klanten continuïteit van levering te garanderen, hetzij via producten beschikbaar uit voorraad, hetzij via bevoorrading uit andere vestigingen. Bekaert Rome is erin geslaagd snel de productie gedeeltelijk opnieuw op te starten, waaronder alle productieactiviteiten voor slangendraad.
In dienst van onze klanten en dankzij hun blijvend vertrouwen in onze mogelijkheden, is Bekaert erin geslaagd alle hydraulische slangenproducenten in de VS te verzekeren van continuïteit in hun productie.
De beschadigde onderdelen van de vestiging worden heropgebouwd en opnieuw uitgerust om de hieldraadactiviteiten in de loop van 2015 opnieuw op te starten. Bekaert engageert zich om de geplande uitbreiding van de productiecapaciteit van hieldraad in de fabriek in Rome te realiseren.
Bekaert heeft haar staaldraadactiviteiten in Surrey, Canada, geleidelijk afgebouwd en de productieactiviteiten op het einde van het eerste kwartaal van 2014 stopgezet.
| Gezamenlijke omzet: | € 1 422 miljoen |
|---|---|
| Geconsolideerde omzet | € 631 miljoen |
| Investeringen in materiële vaste activa: | (*) € 32 miljoen |
| Totale activa: | (*) € 620 miljoen |
| Medewerkers: | 8 300 |
(*) geconsolideerde vennootschappen
De Latijns-Amerikaanse markten zijn zeer competitief geworden als gevolg van toegenomen importstromen uit Azië. Lagere overheidsbudgetten en –uitgaven ten gevolge van prijsdalingen voor koper en andere grondstoffen hebben geleid tot een vertraging in de mijnbouw en de openbare infrastructuursector. De aanhoudende lagere groei in China lag aan de basis van de dalende grondstofprijzen en toonde aan hoe veranderingen in de Chinese economie een wereldwijde impact kunnen hebben. Fiscale hervormingen en verkiezingen verhoogden de onzekerheid in diverse landen en sectoren. De economie in Venezuela kwam tot stilstand in 2014 ten gevolge van de politieke en monetaire instabiliteit.
De tegenwind met dewelke de regio in 2014 geconfronteerd werd, zal waarschijnlijk aanhouden in 2015. Grondstofprijzen zullen naar verwachting gemiddeld lager liggen in 2015 dan in 2014, als gevolg van de lage wereldwijde vraag en de sterkere US\$. Bovendien wordt er van uitgegaan dat het ineenstorten van de olieprijzen zijn tol zal eisen voor de grootste Latijns-Amerikaanse olieproducerende landen.
De impact van wisselkoersschommelingen was aanzienlijk in 2014. Ondanks de valutacorrectie bij jaareinde bedroeg de impact op de geconsolideerde omzet € -50 miljoen tegenover vorig jaar, voornamelijk door de wisselkoers van de Chileense peso ten opzichte van de euro. De impact was nog groter op het niveau van de gezamenlijke omzet (inclusief de Braziliaanse joint ventures) door de volatiliteit van de Braziliaanse real die het omzetcijfer van 2014 negatief beïnvloed heeft met ongeveer € -70 miljoen.
Hoewel de zwakke valuta's een positieve impact hadden op het concurrentievermogen van de binnenlandse industriële activiteiten met imports, stelden een aantal landen handelsbelemmeringen in die de concurrentiekracht van onze activiteiten negatief beïnvloed hebben, zoals het heffen van invoerrechten op grondstoffen in Colombia.
In Colombia werden hoge invoerrechten (21%) geheven op geïmporteerde grondstoffen zoals walsdraad. Deze maatregel, ingevoerd als een beschermende maatregel tegen importstromen, had een ingrijpend effect op het concurrentievermogen van Bekaerts activiteiten in dit land aangezien de heffing niet van toepassing is op afgewerkte producten. Lokale walsdraadleveringen zijn geen optie gezien het aanbod te klein is om alle staaldraadproducenten te beleveren. De concurrentie aangaan met ingevoerde afgewerkte producten werd bijgevolg uiterst moeilijk. Bekaert was genoodzaakt haar activiteiten in Colombia te herstructureren conform de gewijzigde marktomstandigheden.
Bekaert produceert in Latijns-Amerika een uitgebreide productenportefeuille voor de bouw, de mijnbouw, de landbouw en een brede waaier van industriële- en consumentenmarkten verspreid over de regio. Bekaert heeft dochterondernemingen (100% en meerderheidsparticipaties) in Costa Rica, Ecuador, Colombia, Venezuela, Peru, Chili en Brazilië. Daarnaast heeft Bekaert joint ventures in Brazilië in een 45/55 partnerschip met ArcelorMittal.
De vraag in de regio daalde in de eerste jaarhelft van 2014, conform de BNP-trend in de meeste landen. Onze activiteiten behielden er echter hun solide marktaandelen en de vraag herstelde zich in de meeste landen vanaf de tweede jaarhelft. In Brazilië bleven de marktomstandigheden zwak doorheen het jaar.
Zonder de impact van acquisities en van Venezuela waar het volumeverlies meer dan 40% bedroeg door noodgedwongen tijdelijke fabriekssluitingen ten gevolge van tekorten aan grondstoffen – realiseerden Bekaerts activiteiten in Latijns-Amerika stabiele volumes doorheen het boekjaar. De omzet voor de regio nam aanzienlijk toe in de tweede helft van 2014 (+15% tegenover 2013), dankzij een betere prijs-mix en een beduidend lagere impact van ongunstige valutaeffecten zoals opgetekend in de eerste jaarhelft. De winstmarges namen enigszins toe in de tweede helft van 2014 maar bleven op een laag niveau als gevolg van de concurrentie met imports en de integratie- en opstartkosten in Costa Rica.
Bekaert investeerde € 32 miljoen in materiële vaste activa, waaronder de bouw en uitrusting van de nieuwe Dramix® vestiging in Costa Rica.
Bekaert Costa Rica SA produceert Dramix® staalvezels voor de bouwsector. Dramix® is een door Bekaert ontwikkelde en met patentrechten beschermde staalvezel voor betonversterking in industriële vloeren en in bouwprojecten, alsook in infrastructuur-toepassingen zoals tunnels en mijnschachten. Bekaert nam de beslissing om in Dramix® staalvezel productiecapaciteit in Costa Rica te investeren om de infrastructuur- en bouwmarkten in Noord- en Zuid-Amerika te beleveren.
President Luis Guillermo Solís huldigt de nieuwe Bekaert Dramix® vestiging in Orotina, Costa Rica, in.
Bekaert verwierf, via de Bekaert Ideal Holding, de meerderheid van de aandelen (73%) in de ArcelorMittal staaldraadvestiging in Costa Rica (hernoemd tot BIA Alambres Costa Rica SA) en implementeerde dezelfde aandeelhoudersstructuur in de nieuwe Dramix® fabriek in Costa Rica (Bekaert Costa Rica SA) en in de staaldraadvestiging van Bekaert in Ecuador (Ideal Alambrec SA). Bekaert verwierf bovendien de resterende aandelen in de Cimaf kabelfabriek die de naam Bekaert Cimaf Cabos kreeg.
Bekaert wenst haar klanten in verscheidene sectoren in de regio beter te beleveren met een ruimer portfolio van staaldraadproducten voor tal van sectoren, waaronder de bouw, mijnbouw, olie & gas, landbouw, afrasteringen en industriële markten. De transactie bouwt verder op Bekaerts bestaande partnerschappen in de regio, met ArcelorMittal en de familie Kohn.
Bekaerts eerste activiteiten in Latijns-Amerika dateren van 1950. Inmiddels vertegenwoordigt deze regio 35% van de gezamenlijke omzet. Deze omvatten partnerschappen met ArcelorMittal, met Ecuadoriaanse partners (vertegenwoordigd door leden van de familie Kohn) en deze binnen het partnerschap in Chili en Peru (met leden van de families Matetic, Conrads en Gallofré). Eind 2014 stelde Bekaert meer dan 8000 mensen tewerk in de regio.
De integratie van de staalkoordvestiging (100% Bekaert) overgenomen van Pirelli in Sumaré (Brazilië) zal vanaf 1 januari 2015 bijdragen tot Bekaerts financiële resultaten.
Bekaert Prodac, Peru viert 20ste verjaardag in aanwezigheid van Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Astrid van België.
Prodac, de toonaangevende
staaldraadonderneming van de Bekaert Groep in Peru, heeft haar 20ste verjaardag gevierd in aanwezigheid van HKH Prinses Astrid van België, die de Belgische Economische missie naar Peru en Colombia leidde.
In haar 20-jarig bestaan is Prodac uitgegroeid tot een toonaangevende staaldraadleverancier voor de lokale markt en voor exportmarkten. Prodac, gevestigd in Callao, Peru, stelt 778 medewerkers tewerk. Prodac biedt staaldraadoplossingen aan voor tal van sectoren, waaronder de bouw, landbouw, mijnbouw, infrastructuur en industrie met een brede waaier aan producten, zoals schanskorven, gelast gaas, prikkeldraad, nagels en verzinkte draden. De onderneming werd opgericht in 1994 door Industrias Cassadó SA (Peru) en de Bekaert Groep, via haar Chileense en Ecuadoriaanse partners.
Belgo Bekaert Arames leverde volledige afrasteringsoplossingen voor alle stadions van de 2014 FIFA wereldbeker. Deze contracten binnenhalen bleek een grote uitdaging, omwille van de unieke en nieuwe vereisten. Belgo Bekaert Arames werd gekozen na een uitgebreide aanbesteding en slaagde erin om de veiligheidshekkens en -poorten van alle sportstadions tijdig te installeren.
| € 1 014 miljoen |
|---|
| € 966 miljoen |
| € 51 miljoen |
| € 1 282 miljoen |
| 11 700 |
De Chinese economie groeide in 2014 aan het traagste tempo in twintig jaar als gevolg van een daling van vastgoedprijzen en de schuldenlast waarmee bedrijven en lokale overheden te kampen hadden. Het BNP groeide met 7,4%, een ratio die door vele landen benijd wordt, maar toch een reden tot ongerustheid vormt door de enorme productieovercapaciteit, en groeivertraging met bijgevolg hevige concurrentie in meerdere industriële markten.
De vraag bleef sterk in de bandenmarkten gedurende de eerste negen maanden van 2014, maar daalde aanzienlijk in het laatste kwartaal van het jaar. De prijzen bleven verder eroderen in een markt die gekenmerkt werd door afnemende exportvolumes voor Chinese bandenmakers, structurele overcapaciteit en de commoditisering van oplossingen voor het versterken van vrachtwagenbanden.
De vraag in de markt van de zonne-energie veerde op in China in 2014 en diverse andere industriële markten, zoals die voor liften en automobielonderdelen, presteerden goed. Bekaerts activiteiten in Shenyang en Jiangyin konden beantwoorden aan de ontwikkelingsen toeleveringsnoden van klanten op zoek naar hoogwaardige staaldraadoplossingen.
De economische groei in India, die de voorbije twee boekjaren onder de 5% lag, is sterk toegenomen. De binnenlandse industriële vraag trok aan na de aantreding van de nieuwverkozen overheid, die enkele hervormingen invoerde om de economie te versterken. Bekaerts staalkoordactiviteiten in India kenden een solide groei door het winnen van marktaandeel in een opverende marktomgeving.
Zuid-Oost-Azië kende een aangehouden solide groei in de meeste landen, hoewel de grootste economie van die regio, Indonesië, aan een trager tempo groeide in 2014 met een dalende trend voor het derde opeenvolgende jaar. Positief is dat de verwerkende industrie één van de sterkste bijdragers is aan het BNP van het land.
Bekaert is aanwezig in Pacifisch Azië met productie- en ontwikkelingscentra in China, India, Indonesië, Maleisië en Japan. Na balansdatum voltooiden we ook de overname van de staalkabelactiviteiten van Arrium in Newcastle, Australië.
Begin 2015 heeft Bekaert de overname aangekondigd van staalkabelbedrijf Arrium Ltd uit Newcastle, Australia. De integratie van de Australische kabelactiviteiten zal de groeistrategie van Bekaert in staalkabels versterken en zal de Groep in staat stellen een leidende wereldwijde marktpositie te nemen in de markt van staalkabels voor de mijnbouw in het bijzonder. Er wordt verwacht dat de acquisitie € 40 miljoen op jaarbasis zal toevoegen aan de geconsolideerde omzet van Bekaert. De consolidatie van de financiële cijfers gaat in op 1 maart 2015.
Bekaerts activiteiten in Pacifisch Azië tekenden een volumegroei op van 6% tegenover vorig jaar. Dit was het gevolg van een sterke omzet in Azië gedurende de eerste negen maanden van het jaar, gevolgd door een zwak vierde kwartaal als gevolg van een algemene vertraging van de vraag in de Chinese bandenmarkten. Prijserosie, wisselkoerseffecten en doorgerekende lagere walsdraadprijzen hebben de omzetgroei in de regio beperkt tot 1,3% jaar-op-jaar. Bekaert hield de prijszetting in China stabiel gedurende het zwakke laatste kwartaal van 2014 en verloor marktaandeel in de markt van vrachtwagenbanden.
Bekaert heeft haar leidende marktpositie en –aandeel behouden in de groeiende markt van de zonne-energie in China en boekte veelbelovende resultaten in enkele recente investeringen met producten met hoge toegevoegde waarde ten behoeve van onder meer de automobielonderdelensector.
Bekaerts staalkoordactiviteiten in India kenden een solide groei en slaagden erin hun marktaandeel te vergroten. Andere platformen in India, zoals de roestvaste activiteiten in Lonand, bleven ondermaats presteren op vlak van rentabiliteit.
In Zuid-Oost-Azië tekende Bekaert solide groei op in haar rubberversterkende activiteiten in Indonesië. De recent verworven vestigingen in Maleisië konden hun rentabiliteit nog niet bewijzen en hadden te kampen met toegenomen concurrentiedruk.
Bekaert bleef intensief investeren in de regio met een totaal van € 51 miljoen aan investeringen in materiële vaste activa in 2014. Belangrijke investeringen vonden plaats in de fabriek voor geavanceerde fijnkoord in Shenyang, in de afwerking van de greenfield voor verendraad in Xinyu en in uitbreidingen van de staalkoordactiviteiten in India en Indonesië.
Pirelli overname na balansdatum in China Bekaert en Pirelli hebben de overname door Bekaert van Pirelli's staalkoordvestigingen in Yanzhou, provincie Shandong, China succesvol afgerond op 27 maart 2015. Het afsluiten van de transactie volgt op de verwerving van de volledige eigendom van de staalkoordvestigingen in Figline (Italië), Slatina (Roemenië), Sumaré (Brazilië) en Izmit (Turkije). Bekaert bezit 80% van de aandelen van Bekaert (JiNing) Steel Cord Co Ltd. Hixih Rubber Industrial Group Co Ltd, Pirelli's partner in de Yanzhou entiteit, de overige 20%.
Na balansdatum kondigde Bekaert de verkoop aan van haar kaardenactiviteiten.
Bekaert en Groz-Beckert hebben een overeenkomst ondertekend met betrekking tot de verkoop van de Carding Solutions activiteiten van Bekaert aan Groz-Beckert, een globale onderneming met hoofdzetel in Albstadt, Duitsland. De overeenkomst betreft de productievestigingen van Carding Solutions in België, India, China en de VS, en het wereldwijde verkoop- en dienstennetwerk. De overeenkomst heeft betrekking op het personeel en de activa van het platform. Als onderdeel daarvan zal een langetermijn leveringsovereenkomst van kracht gaan voor de levering van Bekaert staaldraad aan Groz-Beckert.
Het platform telt 350 werknemers in een globaal productie-, distributie- en verkoopnetwerk. De grootste productievestigingen bevinden zich in Wuxi, China en in Pune, India.
TAWI – een ternaire legeringsdeklaag
uitgevonden door een Chinees-Belgisch duo We hebben onze staalkoord met ternaire Cu-Zn-Co legeringsdeklaag succesvol gelanceerd. Deze laat de bandenfabrikanten toe om kobaltvrije rubbermengsels te gebruiken. Het resultaat hiervan is dat het mixen van kobaltzouten met rubber als productiestap geëlimineerd kan worden en het kobaltvolume in de totale waardeketen van banden met 80% verminderd kan worden.
Tire Technology International nomineerde Bekaert voor haar TAWI uitvinding in de prestigieuze categorie Tire Technology of the Year waarin Bekaert het opnam tegen grote internationale spelers uit de industrie zoals Michelin, Yokohama en Trelleborg. Niet minder dan 13 bandenfabrikanten, waaronder verschillende Chinese klanten, testen op vandaag TAWI staalkoord, hetzij in labo-omgeving of veldtesten of beide. Hun feedback bevestigt het revolutionaire karakter van de TAWI uitvinding.
Guy Buytaert (Bekaert Technology Center Deerlijk, Belgium) en Yiwen Luo (Bekaert Technology Center Jiangying, China) zijn de uitvinders van de met patentrechten beschermde Bekaert TAWI uitvinding.
Innovatie is een belangrijke drijfveer van Bekaerts technologisch leiderschap. Onze activiteiten in dit domein richten zich op het creëren van toegevoegde waarde voor onze klanten ten gunste van het langetermijn succes van onze business en al onze stakeholders. We werken samen met klanten en leveranciers over de hele wereld om zowel bestaande als nieuwe technologieën te ontwikkelen, te implementeren, te upgraden en te beschermen. Luisteren naar onze klanten en begrijpen hoe onze producten in hun productielijnen en producten functioneren is uiterst belangrijk om pasklare oplossingen en toegevoegde waarde te ontwikkelen.
Staaldraadtransformatie- en deklaagtechnologieën vormen onze kerncompetenties. Om ons technologisch leiderschap hierin verder te versterken, investeert Bekaert intensief in onderzoek en ontwikkeling en beschouwen wij innovatie als een constante drijfveer in al onze activiteiten en processen.
Om ons technologisch leiderschap te behouden en te versterken, zoeken we voortdurend naar nieuwe oplossingen in staaldraadtransformatie- en deklaagtechnologieën. Zelfs na 135 jaar ervaring blijft er veel te ontdekken in onze zoektocht naar de optimale bulk- en oppervlakte-eigenschappen van staaldraad.
Door staaldraadtransformatie beïnvloeden we de eigenschappen van staal zoals sterkte, buigzaamheid, vermoeiïng en vorm. In 2014 hebben we onze inspanningen verhoogd met betrekking tot de ontwikkeling van applicaties die een hoge toegevoegde waarde en veelbelovende perspectieven bieden:
In 2014 richtten Bekaerts R&D inspanningen zich ook op disruptieve technologieën met als doel een superieure waarde voor onze klanten te bieden: internationale bandenfabrikanten participeren in de ontwikkeling van onze nieuwste generatie rubberversterking die ongeziene waarde in bandeninnovatie zou kunnen teweegbrengen. Het staalkoordweefsel van Bekaert vertegenwoordigt een disruptieve technologie die de nood aan bobijnopstelling op een kalenderlijn elimineert. Bandenfabrikanten zien veelbelovende opportuniteiten in deze nieuwste uitvinding van Bekaert, vooral in de ontwikkeling van nieuwe types banden en bij het produceren van niet-continue batches.
Met onze unieke deklaagtechnologieën passen we de oppervlakte-eigenschappen van staal aan om wrijving te verminderen, corrosiebestendigheid te verbeteren, de adhesie te verhogen of de esthetische afwerking te verbeteren. Verschillende ontwikkelingen voerden innovatie in deklaagperformantie aan in 2014:
We streven waardecreatie voor onze klanten na, niet alleen door producten te leveren die aan vastgelegde specificaties voldoen, maar ook door onze research te richten op de voortdurende vernieuwing van ons productportfolio en op de ontwikkeling van producten die de complexiteit, de kost en de impact op het milieu in het productieproces van onze klanten verminderen. We doen dit bij voorkeur in samenwerking met onze klanten.
In 2014 ontwikkelden we hittebestendige deklagen die de coating stap in het productieproces van onze klanten na het transformeren van staaldraad in veren elimineren. Deze deklaagtechnologie laat ook een perfecte afwerking van compacte veren toe.
Tire Technology International nomineerde Bekaert voor haar TAWI uitvinding (Ternary Alloy Wire coating on steel cord) in de prestigieuze Tire Technology of the Year categorie waarin Bekaert het opnam met grote internationale spelers uit de industrie zoals Michelin, Yokohama en Trelleborg. Niet minder dan 13 bandenfabrikanten testen op vandaag TAWI staalkoord, hetzij in labo-omgeving of veldtesten of beide. Hun feedback bevestigt het revolutionaire karakter van de TAWI uitvinding.
Bekaert FastForward Award Event 2014
Er is een groeiende trend in samenwerking met onze strategische klanten en leveranciers. We nemen ook corporate venturing in aanmerking door te investeren in bedrijven en durfkapitaalfondsen wereldwijd. Onze investeringen hierin zijn minderheidsbelangen in jonge startende ondernemingen met innovatieve technologieën die aanleunen bij de kerncompetenties van Bekaert. In dit kader trad Bekaert toe tot het i3 connection platform van de Cleantech Group.
Bekaert zoekt naar internationale partnerschappen in de samenwerking met universiteiten en onderzoekscentra. In 2014 zetten we onze samenwerking met academische instellingen, technologieclusters en onderzoekspartners van verschillende landen voort om zo een marktgerichte aanpak te verzekeren:
We danken het Vlaams Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie en de Belgische Federale regering. De subsidies en stimuli voor R&D projecten en hooggeschoold wetenschappelijk personeel zijn van essentieel belang voor het behoud van R&D in België.
Bekaerts eigen engineering afdeling speelt een cruciale rol in de optimalisatie van onze productieprocessen en -machines. Deze afdeling ontwerpt, ontwikkelt, installeert en onderhoudt de machine-uitrusting van onze fabrieken wereldwijd. Bekaerts engineering activiteiten zijn op weredwijde schaal georganiseerd met een network van 500 ingenieurs en technici in België, China, Indië, Slovaijke en Brazilië. Nieuwe machines die door Bekaert Engineering ontworpen werden, combineren prestatieverbeteringen op verschillende vlakken, zoals productkwaliteit, prestatievermogen, kostenefficiëntie, ergonomie, veiligheid en de impact op het milieu.
Bekaert Engineering werkt nauw samen met de R&D-centra, de productievestigingen en het globale manufacturing excellence team van Bekaert, om machine- en uitrustingsconcepten uit te werken die voldoen aan de huidige en de toekomstige noden qua flexibiliteit, efficiëntie en precisieperformantie.
Het Bekaert Engineering team heeft de greenfield Dramix® fabriek in Costa Rica in een record tijd uitgerust met de meest performante uitrusting.
Gedreven door een streven naar hoogperformante uitrusting tegen een lage operationele kost, heeft het Bekaert Engineering team machines ontwikkeld die een minimale omstellingstijd vereisen en maximale automatiserings- en robotisatiemogelijkheden verzekeren.
Bovendien worden geavanceerde sensor- en meetinstrumenten meer en meer geïntegreerd in Bekaerts productie-uitrusting, om de specificatietoleranties in verschillende productiestappen te controleren. Dit verhoogt de kwaliteitstestmogelijkheden op het gebied van kwaliteitstesten in alle kritische procesfases.
Bekaerts capaciteitsuitbreiding in hieldraad voor banden werden gerealiseerd met Bekaert Engineering's nieuwste gerobotiseerde hieldraad lijnen.
Bekaerts wereldwijde strategie voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (CSR: corporate social responsibility) is gebaseerd op 4 hoofdpijlers: onze verantwoordelijkheid op de werkplek, op de markt, ten aanzien van het milieu en tegenover de maatschappij. Onze CSR-inspanningen en -activiteiten zijn daarom gericht op de belangen van al onze stakeholders: medewerkers, klanten, aandeelhouders, partners, lokale overheden en de gemeenschappen waarin we actief zijn.
Bekaerts CSR rapport 2013 was gebaseerd op de GRI G3 Richtlijnen met betrekking tot de GRI duurzaamheidsrapportering. De aanvraag tot certifiëring van het rapport 2014 was nog in behandeling op de dag van de publicatie van dit jaarverslag. Global Reporting Initiative (GRI) is een non-profit organisatie die economische duurzaamheid bevordert. In 2014 werd Bekaert opnieuw erkend voor haar maatschappelijk verantwoord ondernemen door de opname in de Ethibel Excellence Index (ESI) Europe een referentie criterium voor toppresteerders op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemen gebaseerd op Vigeo's onderzoek - en in die van Kempen SRI.
Om de voortdurende ontwikkeling van al onze medewerkers aan te moedigen, worden de doelstellingen van de groep omgezet in team- en persoonlijke doelstellingen. Bekaerts performantieopvolgingssysteem laat toe dat de teams en individuen geëvalueerd worden in relatie tot de vastgestelde doelstellingen, maar ook in relatie tot hun manier van werken.
Bekaert hecht veel belang aan voortdurende leer- en ontwikkelingsmogelijkheden voor haar medewerkers. Dergelijke programma's omvatten niet alleen technische en job-specifieke trainingen, maar ook leiderschapsmodules die onze medewerkers helpen om zichzelf te ontwikkelen en samen te werken in een globale werkomgeving.
Bekaerts veiligheidsbeleid werd geïntroduceerd aan de hand van het Safety Tree model en opgevolgd via het Bekaert Safety Evaluation System (BEKSES). In 2014 werden BEKSES audits (gebaseerd op OHSAS 18001) uitgevoerd in een aantal fabrieken. In nieuwe entiteiten en vestigingen die recent werden toegevoegd aan de consolidatieperimeter, werden speciale inspanningen geleverd om het lokale veiligheidsbeheer te aligneren met de wereldwijde Bekaert aanpak.
Om het bewustzijn voor veiligheid nog verder te verhogen, heeft Bekaert alle registreerbare incidenten (ten opzicht van ongevallen met werkverlet) in haar interne veiligheidsrapportering van 2014 opgenomen.
Ten gevolge van het fatale ongeval in Slovakije in 2013 werd wereldwijd een grondig onderzoek uitgevoerd op gelijkaardige uitrusting in onze fabrieken.
Omdat we een gezonde werkomgeving belangrijk vinden, bleven we in 2014 investeren in de automatisatie van verhandelingsapparatuur en andere ergonomische voorzieningen. Ter gelegenheid van onze Internationale Gezondheids- en Veiligheidsweek hebben we een vitaliteitsprogramma opgezet, met als doel onze teams op een gezonde manier samen te laten bewegen.
Bekaert organiseert traditioneel elk jaar in september een Internationale Gezondheids- en Veiligheidsdag. In 2014 werd dit uitgebreid naar een volledige week om alle medewerkers de kans te geven om deel te nemen. Het centrale thema van deze editie was "Bekaert in beweging, veilig en gezond". De veiligheidscomponent richtte zich op intern en extern transport en op het omgaan met machines met bewegende onderdelen. In het kader van het gezondheidsluik werd een vitaliteitsuitdaging opgezet: het doel was om 80 000 km te bereiken door samen op een gezonde manier te bewegen. Dankzij de actieve deelname van alle teams wereldwijd bereikte de teller uiteindelijk 130 220 km. De vitaliteitsuitdaging heeft de toon gezet voor blijvende gezondheidsacties in onze vestigingen.
Ernstgraad = aantal dagen werkverlet als gevolg van arbeidsongevallen, per duizend gewerkte uren
(Aantal jaar zonder ongevallen met werkverlet)
| >=7 jaar >=4 jaar >= 2 jaar >= 1 jaar | ||||
|---|---|---|---|---|
| Aantal fabrieken | 2 | 1 | 2 | 9 |
De fabrieken die ongevalvrij zijn sinds ten minste meer dan een jaar vertegenwoordigen 30% van de Bekaert populatie (aantal medewerkers van de bovenstaande fabrieken versus totaal aantal medewerkers van de geconsolideerde vestigingen).
Door de Internationale Gezondheids- en Veiligheidsweek jaarlijks te organiseren, herbevestigen Bekaerts top management en alle management teams dat de veiligheid en gezondheid van alle Bekaert medewerkers over de hele wereld één van de belangrijkste prioriteiten van de onderneming is en blijft.
Frequentiegraad = aantal ongevallen met werkverlet per miljoen gewerkte uren
Bekaert streeft ernaar om een loyale, verantwoordelijke partner te zijn binnen de lokale gemeenschappen. We hechten er belang aan om op een transparante en constructieve manier met lokale overheden om te gaan en de nationale wetgevingen en de collectieve arbeidsovereenkomsten na te leven. Bekaert respecteert de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de verdragen en aanbevelingen van de Internationale Arbeidsorganisatie.
Ook bij overnames vindt Bekaert het uiterst belangrijk om meteen open en constructieve relaties op te bouwen met lokale overheden en sociale vertegenwoordigers. Dit was in het bijzonder het geval in de gemeenschappen die we verwelkomden als deel van de Pirelli overname.
Bekaert heeft productiefaciliteiten en verkoopkantoren in 40 landen en bouwt langetermijnrelaties met klanten en leveranciers waar we ook actief zijn.
We slaan de handen in elkaar met klanten en leveranciers bij het ontwikkelen van projecten, het initiëren van feedback en tevredenheidsonderzoeken en het analyseren van de industrie.
In 2014 legde Bekaerts aankoopafdeling de fundamenten voor toekomstige duurzame objectieven op vlak van de toeleveringsketen. Er werden gesprekken met geselecteerde leveranciers opgezet om te onderzoeken hoe vooruitgang voor bepaalde duurzame KPI's via geïntegreerde waardeketens gemeten kan worden.
Bij jaareinde 2014 werden de eerste stappen gezet om een Gedragscode voor leveranciers uit te rollen. De lancering is voorzien voor 2015. In nauwe samenwerking met onze belangrijkste leveranciers werden gedeelde objectieven opgesteld voor 2015 om duurzaamheid vooruit te stuwen.
We werken actief samen met globale klanten, vooral uit de automobielsector, de bouwsector en
energiegerelateerde markten om hun CSR-programma's te ondersteunen door specifieke acties in ons
CSR-beleid te implementeren. Door ons als een sociaal verantwoorde leverancier te gedragen, helpen we onze klanten om hun objectieven op vlak van duurzaam ondernemen te bereiken.
better together voor een schonere wereld: we streven er voortdurend naar om minder materialen te verbruiken, ons energieverbruik te reduceren en afval te verminderen.
Bekaerts zorg voor het milieu wordt toegepast in verschillende deelaspecten: ten eerste ontwikkelen we nieuwe, eco-vriendelijker productieprocessen voor onze fabrieken over de hele wereld. In 2014 hebben we het 'New Environmental Technologies' project afgewerkt. Het doel van het project was om onze kennis en expertise in milieutechnologieën op te bouwen en zo onze fabrieken milieuvriendelijker te maken. We hebben kostefficiënte oplossingen ontwikkeld voor alle belangrijke aspecten van afval. Praktische oplossingen omvatten het recupereren van spoelafvalwater in de productieprocessen en het conceptueel design van waterzuivering zonder lozingen volledig vermijdt. Het doel is om onze vestigingen te runnen zonder de nood om industrieel afvalwater te lozen in het stedelijk riolennet.
Ten tweede spelen preventie en risicobeheer een belangrijke rol in Bekaerts milieubeleid. In 2014 hebben we onze procedures ter preventie van bodemverontreiniging aangepast. Aan de hand van self-assessments, interne audits en het delen van best practices tussen fabrieken onderling werd een actieplan opgesteld in 2014 dat in de loop van 2015 zal worden geïmplementeerd.
Verantwoord gebruik van water is ook een prioriteit. Er werden programma's opgezet met als doel het waterverbruik op lange termijn te verminderen en een beter zicht te krijgen op de waterbalans.
In 2014 was 95% van onze geconsolideerde vestigingen ISO 14001 gecertifieerd. De certificatie van alle Bekaert fabrieken over de hele wereld blijft onze doelstelling en is een element in het integratieproces van nieuwe entiteiten en van vestigingen die toegevoegd worden aan de consolidatieperimeter. Bekaert ontving ook een certificaat voor ISO14001 en ISO9001 op groepsniveau.
Bekaert ontwikkelt producten die bijdragen aan een schoner milieu. Ecologie is een aspect dat reeds in beschouwing genomen wordt vanaf de R&D fase van nieuwe producten. In veel gevallen vormt het zelfs een drijfveer in productontwikkeling. Nieuw ontwikkelde producten met ecologische voordelen worden beschreven in het Technologiehoofdstuk.
Onze Dramix® staalvezels in de bouwsector leiden tot minder gebruik van staal in vergelijking met traditionele betonversterkingsproducten, minder energieverbruik en snellere processen. En Bekaerts staalkoordtypes met super- en ultrahoge treksterkte verminderen het gewicht van de band en de dikte van de staalgordel in banden aanzienlijk. Zo leiden ze uiteindelijk tot een lagere rolweerstand en een lager brandstofverbruik.
Educatieve projecten vormen de basis voor eventuele sponsoring- en andere gemeenschapsactiviteiten. Daarenboven steunen we plaatselijke initiatieven en projecten voor sociale, culturele en economische ontwikkeling.
Wij geloven dat onderwijs en opleiding de sleutel vormen voor een duurzame toekomst. Daarom steunen wij wereldwijd initiatieven die de gemeenschappen waarin we actief zijn helpen door middel van onderwijs en opleiding.
In China heeft Bekaert sterke relaties opgebouwd met verschillende instituten. Steun aan deze instituten beperkt zich niet tot donaties van giften, boeken en ander materiaal. Bekaert medewerkers nemen ook deel aan vrijwilligerswerk om de technische bekwaamheden van de kinderen en het bewustzijn voor het milieu te verbeteren.
In Rusland steunt Bekaert kinderen met speciale noden zowel door materiaaldonaties als door hulp bij het organiseren van socio-culturele evenementen aangepast aan de behoeften van deze kinderen. Vicson, onze vestiging in Venezuela, steunt een 'Youth Leadership' program' dat gericht is op de persoonlijke ontwikkeling van jongeren, het verbeteren van hun groepswerk capaciteiten en het optimaliseren van hun studietijd. Het programma is een samenwerking tussen private bedrijven, de universiteit van Carabobo en de 'Executive Association of the Carabobo State'. In Brazilië ondersteunt Bekaert verder het 'Digital Citizenship' programma dat studenten gemakkelijkere toegang tot een opleiding in informatietechnologie verschaft.
We steunen maatschappelijke initiatieven voor de verbetering van sociale omstandigheden in die landen waar we actief zijn.
In het district Thiruvallur in Indië werden de gezondheidskampen die in 2012 gelanceerd werden om de gezondheidsnoden van de lokale bevolking aan te pakken, verder gezet. Meer dan 2 000 mensen verspreid over 9 dorpen namen deel aan deze gezondheidskampen.
Prodac, onze vestiging in Peru zette het 'Sarita Colonia Summer School' programma verder dat in 2008 gestart werd en lokale activiteiten en projecten voor de sociale, economische en culturele ontwikkeling van kinderen tijdens de zomervakantie organiseert. Jaarlijks nemen 100 kinderen deel.
Bekaert Corporation (Verenigde Staten) trad in 2014 toe tot de National 4-H Council. 4-H is de grootste jeugdontwikkelings- en empowerment organisatie in de VS en bereikt meer dan 7 miljoen 4-H jongeren in verstedelijkte gebieden, voorstedelijke schoolbuurten en landbouwgemeenschappen. Gesteund door een universitair curriculum, nemen 4-H'ers deel aan leeractiviteiten in het domein van wetenschap, gezond leven en voedselveiligheid. Van 1 juni 2014 tot 30 mei 2015 zal Bekaert Corporation 1% van de omzet op alle Premium Gaucho® draadomheiningen met hoge sterkte doneren aan 4-H. Bekaert drukt hiermee haar engagement uit om Amerika's grootste jeugdontwikkelingsorganisatie te helpen om een positieve verandering en een betere toekomst voor de jeugd te creëren.
| in miljoen € | 2013 | 2014 | Delta |
|---|---|---|---|
| Omzet | 4 111 | 4 040 | -1,7% |
| Investeringen | 108 | 160 | 48,7% |
| Personeel op 31 december | 26 325 | 28 372 | 7,8% |
| in miljoen € | 2013 | 2014 | Delta |
|---|---|---|---|
| Omzet | 3 186 | 3 216 | 0,9% |
| Bedrijfsresultaat vóór éénmalige opbrengsten en kosten (REBIT) | 166 | 164 | -0,9% |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 137 | 171 | 24,8% |
| Eénmalige opbrengsten en kosten* | -29 | 7 | |
| Financieel resultaat | -84 | -67 | |
| Winstbelasting | -48 | -42 | |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures | 30 | 25 | -16,2% |
| Perioderesultaat | 36 | 88 | 142,7% |
| Groep | 25 | 87 | 254,8% |
| Minderheidsbelangen van derden | 11 | 0 | -96,7% |
| EBITDA | 297 | 342 | 15,1% |
| Afschrijvingen (MVA) | 162 | 153 | -5,6% |
| Waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen | -2 | 29 | |
| Negatieve goodwill | - | -11 | |
Personeel op 31 december 21 790 24 127 10,7%
| EBITDA op omzet | 9,3% | 10,6% |
|---|---|---|
| REBIT op omzet | 5,2% | 5,1% |
| EBIT op omzet | 4,3% | 5,3% |
| EBIT interest dekking | 2,4 | 3,0 |
| ROCE (EBIT op kapitaalgebruik) | 6,1% | 7,7% |
| ROE (winst op eigen vermogen) | 2,3% | 5,7% |
| Eigen vermogen op totaal activa | 44,5% | 39,6% |
| Nettoschuld op eigen vermogen* | 38,2% | 54,5% |
| Nettoschuld op EBITDA | 1,9 | 2,5 |
| Aantal aandelen op 31 december | 60 063 871 60 111 405 | 0,1% | |
|---|---|---|---|
| Beurskapitalisatie op 31 december (in miljoen €) | 1 545 | 1 584 | 2,5% |
| in € | 2013 | 2014 | Delta |
|---|---|---|---|
| EPS | 0,42 | 1,51 | 259.5% |
| Bruto-dividend** | 0,85 | 0,85 | = |
| Netto-dividend** | 0,6375 | 0,6375 | = |
| Valorisatie | |||
|---|---|---|---|
| in € | 2013 | 2014 | Delta |
| Koers op 31 December | 25,72 | 26,35 | 2,4% |
| Koers (gemiddelde) | 24,926 | 27,155 | 8,9% |
* Inclusief beperkte effecten van IAS19 herwerking.
** Het dividend is onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2015
| in miljoen € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Geconsolideerde omzet | 1 040 | 1 064 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 85 | 116 |
| EBIT op omzet | 8,2% | 10,9% |
| EBITDA | 133 | 165 |
| EBITDA op omzet | 12,8% | 15,5% |
| Gezamenlijke omzet | 1 028 | 1 049 |
EMEAEMEA € 1 049 miljoen Gezamenlijke omzet
| in miljoen € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Geconsolideerde omzet | 548 | 555 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 8 | 28 |
| EBIT op omzet | 1,5% | 5,0% |
| EBITDA | 22 | 38 |
| EBITDA op omzet | 4,0% | 6,8% |
| Gezamenlijke omzet | 548 | 555 |
| Noord-Amerika |
| Noord-Amerika | |
|---|---|
| € 555 miljoen Gezamenlijke omzet |
14% |
| in miljoen € | 2013 2014 |
|
|---|---|---|
| Geconsolideerde omzet | 645 | 631 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 44 | 34 |
| EBIT op omzet | 6,8% | 5,4% |
| EBITDA | 64 | 40 |
| EBITDA op omzet | 9,9% | 6,3% |
| Gezamenlijke omzet | 1 543 | 1 422 |
| Latijns-Amerika € 1 422 miljoen Gezamenlijke omzet |
35% |
|---|---|
| ---------------------------------------------------------- | ----- |
| in miljoen € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Geconsolideerde omzet | 953 | 966 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 73 | 54 |
| EBIT op omzet | 7,7% | 5,6% |
| EBITDA | 153 | 159 |
| EBITDA op omzet | 16,1% | 16,5% |
| Gezamenlijke omzet | 1 001 | 1 014 |
| 25% Pacifisch Azië € 1 014 miljoen Gezamenlijke omzet |
|---|
| ---------------------------------------------------------------- |
Omzet Latijns-Amerika
Omzet Pacifisch Azië in miljoen €
Joint ventures en geassocieerde ondernemingen Geconsolideerd
Bekaert realiseerde in 2014 een geconsolideerde omzet van € 3,2 miljard en een gezamenlijke omzet van € 4,0 miljard, stabiel in vergelijking met vorig jaar. De organische groei (+2,8%) werd door ongunstige wisselkoersschommelingen tenietgedaan op het niveau van de omzet van de Groep, in het bijzonder door de impact van de Chileense peso.
Het effect van valutaschommelingen was uiterst negatief op het niveau van de gezamenlijke omzet door de gemiddelde waardevermindering van de Braziliaanse real over het boekjaar 2014.
De Raad van Bestuur zal aan de Algemene Vergadering van aandeelhouders op 13 mei 2015 voorstellen om een brutodividend uit te keren van € 0,85 per aandeel. Het dividend zal, na goedkeuring door de Algemene Vergadering van aandeelhouders, betaalbaar worden vanaf 19 mei 2015.
Bekaert heeft een operationeel resultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) geboekt van € 164 miljoen (tegenover €166 miljoen in 2013). Dit stemt overeen met een REBIT-marge op omzet van 5,1%. De eenmalige opbrengsten en kosten bedroegen € 7 miljoen (in vergelijking met € -29 miljoen vorig jaar), in hoofdzaak gerelateerd aan de erkenning van negatieve goodwill op bedrijfscombinaties en de meerwaarde op de verkoop van vastgoed. Het operationeel resultaat (EBIT) na eenmalige kosten bedroeg € 171 miljoen, wat neerkomt op een marge van 5,3% (versus 4,3%). EBITDA bedroeg € 342 miljoen, wat een EBITDA-marge op omzet vertegenwoordigde van 10,6% (versus 9,3%).
De commerciële en administratieve kosten stegen met € 12 miljoen tot € 265 miljoen ten gevolge van een terugname op provisies voor dubieuze debiteuren in 2013 en kosten opgelopen door de acquisitietransacties.
Kosten voor onderzoek en ontwikkeling namen met € 3 miljoen af tot € 59 miljoen als gevolg van efficiëntiewinsten. De renteopbrengsten en -lasten bedroegen € -63 miljoen (ten opzichte van € -64 miljoen) ten gevolge van een lager dan gemiddelde rentevoet op brutoschuld. Overige financiële opbrengsten en lasten bedroegen € -4 miljoen (ten opzichte van € -20 miljoen), voornamelijk door valutaschommelingen. De winstbelasting bedroeg € 42 miljoen, tegenover € 48 miljoen vorig jaar.
Het aandeel in de resultaten van joint ventures en geassocieerde ondernemingen daalde van € 30 miljoen naar € 25 miljoen als gevolg van de moeilijke economische omgeving in Brazilië.
Het perioderesultaat bedroeg bijgevolg € 88 miljoen in vergelijking met € 36 miljoen in 2013. Het resultaat toerekenbaar aan de minderheidsbelangen van derden was beperkt tot € 0,4 miljoen ten gevolge van verliezen en bijzondere waardeverminderingen in vestigingen in Zuid-Oost Azië. Na aftrek van de minderheidsbelangen van derden bedroeg het perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep € 87 miljoen, vergeleken met € 25 miljoen vorig jaar. EPS (perioderesultaat per aandeel) steeg tot € 1,51 (€ 0,42 in 2013).
Op 31 december 2014 vertegenwoordigde het eigen vermogen 39,6% van de totale activa. De nettoschuld op eigen vermogen (gearing ratio) bedroeg 54,5% (tegenover 38,2%).
De nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten bedroegen € 187 miljoen (2013: € 306 miljoen). Het operationeel werkkapitaal steeg met € 55 miljoen. De nettokasstroom uit investeringsactiviteiten bedroeg € -225 miljoen waaronder € -133 miljoen voor investeringen in materiële vaste activa en € -110 miljoen op nieuwe bedrijfscombinaties. Kasstromen uit financieringsactiviteiten bedroegen € 88 miljoen (tegenover € -192 miljoen in 2013) en waren onder meer het gevolg van € 194 miljoen gespendeerd aan interesten, dividenden en de inkoop van eigen aandelen en de uitgifte van de converteerbare obligatie (€ 300 miljoen).
Op 6 januari 2015 hebben Bekaert en Pirelli de overname door Bekaert van Pirelli's staalkoordvestiging in Izmit, Turkije, succesvol afgerond. Deze afronding volgde op de eigendomsoverdracht van de staalkoordvestigingen in Figline (Italië), Slatina (Roemenië), en Sumaré (Brazilië) zoals werd aangekondigd op 18 december 2014. De overeenkomst tussen Bekaert en Pirelli behelst ook de staalkoordactiviteiten van Pirelli in Yanzhou (China). De afronding van de overname van de staalkoordvestiging in Yanzhou, China, zal plaatsvinden wanneer de betrokken wettelijke goedkeuringen zijn verkregen. De financiële resultaten van de vestiging in Italië, Roemenië en Brazilië zijn opgenomen in de geconsolideerde rekeningen van Bekaert vanaf 1 januari 2015. De resultaten van de vestiging in Turkije worden vanaf 1 februari 2015 opgenomen.
Bekaert kondigde op 5 februari 2015 de overname aan van de staalkabelactiviteiten van Arrium Ltd in Newcastle, Australië. De integratie van de Australische kabelactiviteiten zal de groeistrategie van Bekaert in deze business ondersteunen en zal de Groep in staat stellen om een globale leidende marktpositie in te nemen in de markt van staalkabels voor de mijnbouw. Er wordt verwacht dat deze transactie op jaarbasis € 40 miljoen zal bijdragen aan de geconsolideerde omzet van Bekaert. De overname heeft een ondernemingswaarde van circa € 60 miljoen. Bekaert en Arrium rekenen op een afronding van de transactie in de loop van het eerste kwartaal van 2015. Bij afronding zullen de Australische kabelactiviteiten geïntegreerd worden in de Bekaert Rope Group. In deze onlangs opgerichte groep bezitten Bekaert en de Chileense partners (via Matco Cables SpA) nu respectievelijk 65% en 35% van alle staalkabelvestigingen in Canada, Chili, Peru, Brazilië en de Verenigde Staten.
Naast de 1 652 677 eigen aandelen in bezit op 31 december 2013, kocht Bekaert 2 622 333 eigen aandelen in de loop van 2014. Geen van die aandelen werden verkocht in het kader van aandelenoptieplannen of geannuleerd in 2014. Bijgevolg hield de onderneming bij jaareinde een totaal van 4 275 010 eigen aandelen aan.
De nettoschuld steeg van € 574 miljoen naar € 853 miljoen als gevolg van investeringen en acquisities. De acquisitie-impact van de Pirelli staalkoordvestigingen vertegenwoordigde hierin € 207 miljoen. Nettoschuld op EBITDA bedroeg 2.5. Zonder de Pirelli impact bedroeg nettoschuld op EBITDA 1.9, onveranderd ten opzichte van vorig jaar.
De Europese marktvraag was in de meeste sectoren sterk gedurende het hele jaar 2014. De vraag in de automobielsector in het bijzonder zorgde voor volumegroei van staalkoord- en andere staaldraadtoepassingen in de regio.
Onze activiteiten in EMEA boekten sterke resultaten op basis van de volumetoename en een gunstige product-mix. Bekaert tekende een REBIT-stijging voor de regio op van 30% en tilde de winstmarges naar recordhoogte. EMEA leverde zo de grootste bijdrage aan het geconsolideerde resultaat van de Groep over het boekjaar 2014.
De eenmalige opbrengsten en kosten bedroegen € +2 miljoen en hadden hoofdzakelijk betrekking op de meerwaarde op de verkoop van vastgoed in België, wat gedeeltelijk werd gecompenseerd door waardeverminderingen. De investeringen in materiële vaste activa bedroegen € 33 miljoen en betroffen vooral capaciteitsuitbreidingen in Slovakije en België.
Bekaert verwacht dat de solide vraag en prestaties in de meeste Europese markten zullen aanhouden. Europa zal zelfs nog een grotere bijdrage leveren aan de geconsolideerde cijfers van de Groep dankzij de integratie van de staalkoordactiviteiten van Pirelli in Roemenië, Italië en Turkije.
Het aantrekken van de vraag in automobielmarkten kon in 2014 de daling van de vraag voor onze activiteiten in Noord-Amerikaanse industriële, bouw- en landbouwmarkten niet goedmaken.
Bekaert's activiteiten realiseerden hogere volumes in vergelijking met een zwak 2013. Het segmentrendement bleef echter ondermaats door de onderbenutting van de productiecapaciteit en door prijsdruk van importstromen. Bovenop de gebruikelijke seizoenseffecten bij jaareinde werd Bekaert getroffen door een brand met structurele schade aan delen van de fabriek in Rome (Georgia).
De eenmalige opbrengsten en kosten
bedroegen € +8 miljoen en betroffen vooral de erkenning van verzekeringsinkomsten met betrekking tot de brandschade in Rome, terwijl toekomstige kosten verbonden aan de heropbouw van de plant in 2015 worden geboekt.
De investeringen in materiële vaste activa bedroegen € 26 miljoen en hadden vooral betrekking op kabel-, staalkoord-, en hieldraadactiviteiten.
Bekaert houdt voor 2015 rekening met een lichte verbetering in de meeste markten, maar verwacht geen ingrijpende ommekeer in rendabiliteit gezien de aanhoudende prijsdruk enerzijds en de toegenomen transportkosten en gedeeltelijke volumeverliezen veroorzaakt door de brand in Rome anderzijds.
De Latijns-Amerikaanse markten werden gekenmerkt door een verhoogde competitiviteit als gevolg van toegenomen importstromen uit Azië. Lagere overheidsbudgetten en –uitgaven ten gevolge van prijsdalingen voor koper, petroleum en andere grondstoffen hebben geleid tot een vertraging van activiteiten in de mijnbouw en de openbare infrastructuursector. Fiscale hervormingen en verkiezingen verhoogden de onzekerheid in diverse landen en sectoren. De economie in Venezuela kwam tot stilstand ten gevolge van de politieke en monetaire instabiliteit.
Zonder de impact van acquisities en van Venezuela waar het volumeverlies meer dan 40% bedroeg door noodgedwongen tijdelijke fabriekssluitingen ten gevolge van tekorten aan grondstoffen – realiseerden Bekaerts activiteiten in Latijns-Amerika stabiele volumes doorheen het boekjaar. De omzet voor de regio nam aanzienlijk toe in de tweede helft van 2014 (+15% tegenover 2013), dankzij een betere prijs-mix en een beduidend lagere impact van ongunstige valutaeffecten zoals opgetekend in de eerste jaarhelft. De winstmarges namen enigszins toe in de tweede helft van 2014 maar bleven op een laag niveau als gevolg van de concurrentie met imports en de integratie- en opstartkosten in Costa Rica.
De eenmalige opbrengsten en kosten hadden vooral betrekking op aanpassingen van pensioenplannen, de overname in Costa Rica en de aankoop van de resterende aandelen van de staalkabelactiviteiten in Brazilië.
Bekaert investeerde € 32 miljoen in materiële vaste activa, waaronder de bouw en uitrusting van de nieuwe Dramix® vestiging in Costa Rica.
De aanzienlijke impact van wisselkoersschommelingen op de gezamenlijke omzet was te wijten aan de volatiliteit van de Braziliaanse real. Hoewel de munt bij jaareinde opveerde, bedroeg het totale gemiddelde effect van de real in vergelijking met vorig jaar € -71 miljoen op de omzet.
Bekaert verwacht voor de geconsolideerde vennootschappen een relatief stabiele vraag in het eerste kwartaal van 2015. De integratie van de overgenomen staalkabelactiviteiten van Pirelli in Brazilië zal vanaf 1 januari 2015 bijdragen aan de financiële resultaten van Bekaert.
Bekaert verwacht een verzwakking van de business omgeving in Brazilië, in lijn met algemene trends voor de Braziliaanse economie.
Bekaerts activiteiten in Pacifisch Azië tekenden een volumegroei op van 6% tegenover vorig jaar. Dit was het gevolg van een sterke omzet in Azië gedurende de eerste negen maanden van het jaar, gevolgd door een zwak vierde kwartaal door een algemene vertraging van de vraag in de Chinese bandenmarkten. Prijserosie, wisselkoerseffecten en doorgerekende lagere walsdraadprijzen hebben de omzetgroei in de regio beperkt tot 1,3% jaar-op-jaar.
Bekaert hield de prijszetting in China stabiel gedurende het zwakke laatste kwartaal van 2014 en verloor marktaandeel in de markt van vrachtwagenbanden.
Bekaerts staalkoordactiviteiten in Indië kenden solide groei. De onderneming heeft ook haar leidende marktpositie en –aandeel behouden in de groeiende markt van de zonne-energie in China. De impact van deze positieve evoluties werd echter tenietgedaan door de aanhoudende zwakke prestaties van de recente overnames in Zuid-Oost-Azië. De eenmalige opbrengsten en kosten waren voornamelijk gerelateerd aan waardeverminderingen op activiteiten in Zuid-Oost-Azië.
Bekaert heeft intensief geïnvesteerd in de regio met een totaal van € 51 miljoen in materiële vaste activa in 2014.
Bekaert verwacht dat de marktomstandigheden in China moeilijk zullen blijven gedurende het eerste kwartaal van 2015. De onderneming neemt maatregelen om de kostenefficiëntie van haar activiteiten te verbeteren en de ondermaatse prestaties in Maleisië op te lossen.
In uitvoering van de oorspronkelijke, in 2004 gepubliceerde, Belgische Corporate Governance Code heeft de Raad van Bestuur op 16 december 2005 het Bekaert Corporate Governance Charter goedgekeurd. Ingevolge de publicatie van de Belgische Corporate Governance Code 2009 heeft de Raad van Bestuur op 22 december 2009 besloten de Code 2009 als referentiecode voor Bekaert te hanteren en het Bekaert Corporate Governance Charter aan te passen. Op 13 november 2014 heeft de Raad van Bestuur het Bekaert Corporate Governance Charter verder aangepast (het "Bekaert Charter").
Bekaert leeft in beginsel de Belgische Corporate Governance Code na, en legt in het Bekaert Charter en in deze Corporate Governance verklaring uit waarom ze afwijkt van enkele bepalingen ervan.
De Belgische Corporate Governance Code is beschikbaar op www.corporategovernancecommittee.be.
Het Bekaert Corporate Governance Charter is beschikbaar op www.bekaert.com.
De Raad van Bestuur bestaat uit veertien leden, die door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd worden. Acht bestuurders zijn benoemd op voordracht van de hoofdaandeelhouders. De functies van Voorzitter en van Gedelegeerd Bestuurder worden nooit door dezelfde persoon uitgeoefend. De Gedelegeerd Bestuurder is het enig lid van de Raad met een uitvoerende functie. Alle andere leden zijn niet-uitvoerende bestuurders.
Vier bestuurders zijn onafhankelijk op grond van de criteria van artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen en van bepaling 2.3 van de Belgische Corporate Governance Code: de heer Alan Begg (voor het eerst benoemd in 2008), Lady Barbara Judge (voor het eerst benoemd in 2007), de heer Manfred Wennemer (voor het eerst benoemd in 2009, onafhankelijk sedert 1 januari 2010), en mevrouw Mei Ye (voor het eerst benoemd in 2014).
De Raad heeft in 2014 zeven vergaderingen gehouden, zes gewone en één buitengewone. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet, de statuten en het Bekaert Charter, behandelde de Raad van Bestuur in 2014 onder meer de volgende onderwerpen:
| Naam | Aanvang eerste mandaat |
Einde huidig mandaat als bestuurder |
Hoofdfunctie (*) | Aantal bijgewoonde gewone/buitengewone vergaderingen |
|---|---|---|---|---|
| Voorzitter | ||||
| Bert De Graeve(1)(3) | 2006 | 2015 NV Bekaert SA | 3/1 | |
| Paul Buysse(2) | 2000 | 2014 NV Bekaert SA | 3 | |
| Gedelegeerd Bestuurder | ||||
| Matthew Taylor(1) | 2014 | 2018 NV Bekaert SA | 3/0 | |
| Bert De Graeve(2)(3) | 2006 | 2015 NV Bekaert SA | 3 | |
| Leden voorgedragen door de hoofdaandeelhouders | ||||
| Leon Bekaert | 1994 | 2015 Bestuurder van vennootschappen | 6/1 | |
| Roger Dalle | 1998 | 2015 Bestuurder van vennootschappen | 6/0 | |
| Charles de Liedekerke | 1997 | 2015 Bestuurder van vennootschappen | 6/0 | |
| François de Visscher | 1992 | 2016 President, de Visscher & Co. LLC (VS) | 5/0 | |
| Hubert Jacobs van Merlen |
2003 | 2015 Bestuurder van vennootschappen | 6/0 | |
| Maxime Jadot | 1994 | 2015 Gedelegeerd Bestuurder en Voorzitter van het Directiecomité, BNP Paribas Fortis (België) |
6/0 | |
| Bernard van de Walle de Ghelcke |
2004 | 2016 Of Counsel, Linklaters LLP (België) | 6/0 | |
| Baudouin Velge | 1998 | 2016 Managing Partner, Interel (België) | 6/0 | |
| Onafhankelijke bestuurders | ||||
| Alan Begg | 2008 | 2018 Bestuurder van vennootschappen | 6/0 | |
| Lady Barbara Judge CBE |
2007 | 2016 Chairman of the UK Pension Protection Fund (Verenigd Koninkrijk) Chairman Emeritus of the UK Atomic Energy Authority (Verenigd Koninkrijk) |
6/0 | |
| Manfred Wennemer | 2009 | 2015 Bestuurder van vennootschappen | 6/0 | |
| Mei Ye(1) | 2014 | 2018 Onafhankelijk bestuurder en adviseur van vennootschappen |
3/0 | |
| Andere leden | ||||
| Anthony Galsworthy(2) | 2004 | 2014 Advisor to Standard Chartered Bank (Verenigd Koninkrijk) |
3 |
(1) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014
(2) Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014
(3) Bert De Graeve werd voor het eerst benoemd als lid van de Raad van Bestuur in 2006. In 2014 werd hij Voorzitter van de Raad van Bestuur
(*) Het curriculum vitae van de leden van de Raad van Bestuur is terug te vinden op www.bekaert.com
De Raad van Bestuur heeft drie adviserende comités opgericht.
De samenstelling van het Audit en Finance Comité is conform artikel 526bis §2 van het Wetboek van vennootschappen: zijn vier leden zijn niet-uitvoerende bestuurders, en één lid, Lady Barbara Judge, is onafhankelijk. Het Comité wordt voorgezeten door haar onafhankelijke bestuurder, Lady Barbara Judge. Haar deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit blijkt uit haar functie van ondervoorzitter van de Financial Reporting Council, de Britse toezichthouder voor boekhouding en corporate governance, die ze tot eind 2007 uitgeoefend heeft.
In afwijking op bepaling 5.2/4 van de Belgische Corporate Governance Code, volgens hetwelk op zijn minst een meerderheid van de leden onafhankelijk moet zijn, is Bekaert van oordeel dat het Audit en Finance Comité de evenwichtige samenstelling van de voltallige Raad moet weerspiegelen.
De Gedelegeerd Bestuurder en de Chief Financial Officer zijn geen lid van het Comité, maar worden tot zijn vergaderingen uitgenodigd. Deze regeling waarborgt de noodzakelijke interactie tussen Raad van Bestuur en Uitvoerend Management.
| Naam | Einde huidig mandaat als bestuurder |
Aantal bijgewoonde gewone/ buitengewone vergaderingen |
|---|---|---|
| Lady Barbara Judge CBE | 2016 | 4/1 |
| Bert De Graeve(1) | 2015 | 2 |
| Hubert Jacobs van Merlen(1) | 2015 | 2 |
| Baudouin Velge | 2016 | 4/1 |
| Paul Buysse(2) | 2014 | 2/1 |
| François de Visscher(2) | 2016 | 1/1 |
(1) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014
(2)Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014
Het Comité heeft in 2014 vijf vergaderingen gehouden, vier gewone en één buitengewone. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en van het Bekaert Charter behandelde het Comité voornamelijk de volgende onderwerpen:
De samenstelling van het Benoemings- en Remuneratiecomité is conform artikel 526quater §2 van het Wetboek van vennootschappen: zijn drie leden zijn niet-uitvoerende bestuurders, het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur, en zijn twee overige leden, de heer Begg en Lady Barbara Judge, zijn onafhankelijk. De deskundigheid van het Comité op het gebied van remuneratiebeleid blijkt uit de relevante ervaring van zijn leden.
| Naam | Einde huidig mandaat als bestuurder |
Aantal bijgewoonde vergaderingen |
|---|---|---|
| Bert De Graeve(1) | 2015 | 3 |
| Alan Begg | 2018 | 4 |
| Lady Barbara Judge CBE | 2016 | 4 |
| Paul Buysse(2) | 2014 | 1 |
(1) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014
(2) Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014
Twee door de hoofdaandeelhouders voorgedragen bestuurders worden tot de vergaderingen van het Comité uitgenodigd zonder dat ze er lid van zijn.
Het Comité vergaderde in 2014 vier maal. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en van het Bekaert Charter behandelde het Comité voornamelijk de volgende onderwerpen:
Het Strategisch Comité telt zes leden, waarvan er vijf niet-uitvoerende bestuurders zijn. Het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur, en bestaat voorts uit de Gedelegeerd Bestuurder en vier bestuurders.
| Naam | Einde huidig mandaat |
Aantal bijgewoonde vergaderingen |
|---|---|---|
| Bert De Graeve | 2015 | 3 |
| Leon Bekaert | 2015 | 3 |
| Charles de Liedekerke | 2015 | 3 |
| Maxime Jadot | 2015 | 2 |
| Matthew Taylor(1) | 2018 | 2 |
| Manfred Wennemer(1) | 2015 | 2 |
| Paul Buysse(2) | 2014 | 1 |
| Anthony Galsworthy(2) | 2014 | 1 |
(1) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014
(2) Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014
Het Comité vergaderde in 2014 drie maal. Het besprak de strategie van Bekaert alsmede diverse strategische projecten.
De voornaamste kenmerken van de werkwijze voor het evalueren van de Raad van Bestuur, zijn Comités en de individuele bestuurders zijn beschreven in dit hoofdstuk en in paragraaf II.3.4 van het Bekaert Charter. De Voorzitter is belast met de organisatie van periodieke prestatiebeoordelingen door middel van een uitgebreide vragenlijst die betrekking heeft op:
In 2014 heeft een externe consultant de Voorzitter ondersteund bij een oefening waarbij de werking van de Raad van Bestuur en de interactie met het Uitvoerend Management werd geëvalueerd. De consultant heeft een online enquête georganiseerd voor alle bestuurders en heeft alle bestuurders geïnterviewd. De belangrijkste bevindingen hiervan en de toekomstige manier van werken werden besproken door de Raad van Bestuur.
In het kader van het actieplan ter voldoening aan de wettelijke vereiste dat met ingang van 1 januari 2017 ten minste één derde van de leden van de Raad van Bestuur van een ander geslacht is dan dat van de overige leden, werd mevrouw Mei Ye op 14 mei 2014 onafhankelijk lid van de Raad van Bestuur. De search naar vrouwelijke kandidaten wordt voortgezet.
Het Bekaert Group Executive (BGE) draagt de collectieve verantwoordelijkheid voor het bereiken van de lange termijn en korte termijn doelstellingen van de Groep. Het wordt voorgezeten door de Gedelegeerd Bestuurder en heeft de volgende evenwichtige samenstelling:
Dominique Neerinck treedt per 31 maart 2015 uit het BGE na negen jaar lid geweest te zijn van het BGE.
Vanaf 1 april 2015 bestaat het BGE uit de volgende leden:
| Naam | Functie | Benoeming als lid van het BGE |
|---|---|---|
| Matthew Taylor | Gedelegeerd Bestuurder | 2013 |
| Lieven Larmuseau |
Algemeen Directeur Platform Rubberversterking |
2014 |
| Piet Van Riet | Algemeen Directeur Platform Industriële Producten en Platform Gespecialiseerde Producten |
2014 |
| Frank Vromant | Algemeen Directeur Regionale Operaties Europa, Noord-Amerika en Zuid-Azië |
2011 |
| Curd Vandekerckhove |
Algemeen Directeur Regionale Operaties Noord-Azië en Zuidoost-Azië |
2012 |
| Bruno Humblet | Chief Financial Officer en Algemeen Directeur Regionale Operaties Latijns-Amerika |
2006 |
| Geert Van Haver | Chief Technology Officer en Algemeen Directeur |
2014 |
| Bart Wille | Chief Human Resources Officer en Algemeen Directeur |
2013 |
Volgens artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen moet een lid van de Raad van Bestuur de overige leden vooraf informeren over agendapunten waaromtrent het rechtstreeks of onrechtstreeks een met de vennootschap strijdig belang van vermogensrechtelijke aard heeft en moet het zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en de stemming daarover. Een dergelijk belangenconflict kwam in 2014 twee maal voor, waarbij telkens de bepalingen van artikel 523 nageleefd werden.
Op 27 februari 2014 moest de Raad van Bestuur zich uitspreken over de vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder. Uittreksel uit de notulen:
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité:
Op 13 november 2014 moest de Raad van Bestuur zich uitspreken over het aanbod van opties aan de Gedelegeerd Bestuurder onder het SOP2010-2014 voor 2015. Uittreksel uit de notulen:
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad goed:
het aanbod van 36 000 opties aan de Gedelegeerd Bestuurder, naast het gelijktijdige contractuele tweede "sign-on" aanbod van 50 000 opties.
Het Bekaert Charter bevat gedragsregels met betrekking tot rechtstreekse en onrechtstreekse belangenconflicten van de leden van de Raad van Bestuur en van het BGE die buiten de werkingssfeer van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen vallen. Deze leden worden geacht met Bekaert verbonden partijen te zijn, en moeten jaarlijks melding maken van rechtstreekse of onrechtstreekse transacties met Bekaert of haar dochterondernemingen. Bekaert is niet op de hoogte van enig potentieel belangenconflict betreffende dergelijke transacties in 2014 (cf. Toelichting 7.5 bij de geconsolideerde jaarrekening).
Conform bepaling 3.7 van de Belgische Corporate Governance Code heeft de Raad van Bestuur op 27 juli 2006 de Bekaert Insider Dealing Code uitgevaardigd, die integraal is opgenomen in Appendix 4 van het Bekaert Charter. Op 13 november 2014 heeft de Raad van Bestuur de Bekaert Insider Dealing Code gewijzigd in lijn met een aantal organisatorische veranderingen, met inwerkingtreding op 1 januari 2015. De Bekaert Insider Dealing Code legt de leden van de Raad van Bestuur, het BGE, het senior management en bepaalde andere personen beperkingen op inzake transacties in Bekaert-effecten tijdens gesloten periodes en sperperiodes. De Code bevat ook regels aangaande de interne meldingsplicht van voorgenomen transacties, alsmede de openbaarmaking van uitgevoerde transacties middels een melding aan de FSMA. De Voorzitter van de Raad van Bestuur is de Compliance Officer voor de Bekaert Insider Dealing Code.
Het remuneratiebeleid voor niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op aanbeveling van de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. Het beleid werd goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van 10 mei 2006, en gewijzigd door de Gewone Algemene Vergaderingen van 11 mei 2011 en van 14 mei 2014.
Het remuneratiebeleid voor de Gedelegeerd Bestuurder wordt bepaald door de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Gedelegeerd Bestuurder neemt aan deze procedure niet deel. Het Comité verzekert de conformiteit met het remuneratiebeleid van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder met de vennootschap. Een kopie van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder is op verzoek van een bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.
Het remuneratiebeleid voor de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder wordt bepaald door de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Gedelegeerd Bestuurder heeft een adviserende rol in deze procedure. Het Comité verzekert de conformiteit met het remuneratiebeleid van het contract van elk BGE lid met de vennootschap. Een kopie van elk contract is op verzoek van een bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.
De remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald op basis van zes gewone vergaderingen van de voltallige Raad van Bestuur per jaar. Een gedeelte van de remuneratie wordt betaald in functie van het aantal gewone vergaderingen dat de niet-uitvoerende bestuurder persoonlijk bijwoont.
Niet-uitvoerende bestuurders die lid zijn van een Comité van de Raad van Bestuur ontvangen een vergoeding voor elke Comité-vergadering die ze persoonlijk bijwonen. In zijn hoedanigheid van uitvoerend bestuurder ontvangt de Gedelegeerd Bestuurder die vergoeding niet.
Indien de Raad van Bestuur in een specifieke aangelegenheid de bijstand van een bestuurder verzoekt op grond van zijn/haar onafhankelijkheid en/of bekwaamheid, is die bestuurder, voor elke sessie die een specifieke verplaatsing en tijd vergt, gerechtigd op een vergoeding gelijk aan het toepasselijke variabele bedrag voor een persoonlijk bijgewoonde vergadering van een Comité van de Raad van Bestuur.
Het concrete bedrag van de vergoeding van de bestuurders wordt door de Gewone Algemene Vergadering voor het lopende boekjaar bepaald. De vergoeding van de bestuurders wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties om te verzekeren dat personen kunnen worden aangetrokken met competenties die aan de internationale ambities van de Groep beantwoorden.
Niet-uitvoerende bestuurders hebben geen recht op prestatiegebonden remuneratie zoals bonussen, aandelengerelateerde incentiveprogramma's op lange termijn, voordelen in natura of voordelen verbonden aan pensioenplannen, noch op enig ander type variabele remuneratie met uitzondering van de vergoeding voor de persoonlijk bijgewoonde vergaderingen van de Raad van Bestuur of van een Comité.
Uitgaven die bestuurders redelijkerwijs in het kader van de uitoefening van hun taken doen, worden terugbetaald op voorlegging van genoegzame rechtvaardigingsstukken. Bestuurders worden geacht het uitgavenbeleid voor leden van de Raad van Bestuur in acht te nemen bij het doen van uitgaven.
De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur wordt bij de aanvang van zijn opdracht bepaald, en wel voor de duur van die opdracht. Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité wordt de vergoeding bepaald door de Raad van Bestuur onder voorbehoud van goedkeuring door de Gewone Algemene Vergadering.
In zijn voorstel moet het Comité rekening houden met een duidelijke omschrijving van de taken van de Voorzitter, het professionele profiel dat werd aangetrokken, de tijd die voor de Groep daadwerkelijk ter beschikking moet worden gesteld, en een gepaste remuneratie die aan de gestelde verwachtingen beantwoordt en die regelmatig wordt getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties. De Voorzitter heeft geen recht op een bijkomende vergoeding voor het bijwonen of voorzitten van een vergadering van een Comité van de Raad van Bestuur, omdat dit in zijn totale remuneratiepakket begrepen is.
De belangrijkste elementen van het remuneratiebeleid van de Groep voor het Uitvoerend Management zijn het basissalaris, korte termijn, middellange termijn en lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. De Groep biedt competitieve totale remuneratiepakketten aan met het doel het beste kader- en managementtalent aan te trekken en te behouden in elk deel van de wereld waar de Groep aanwezig is. De remuneratie van de uitvoerende managers wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties.
Een sterke focus op prestatie en realisaties op Groepsen individueel niveau wordt gereflecteerd in het korte termijn variabele vergoedingsprogramma, dat rechtstreeks gerelateerd is aan de jaarlijkse business doelstellingen.
De middellange en lange termijn variabele vergoedingsprogramma's van de Groep moeten managers en kaderleden belonen voor hun bijdrage tot de creatie van hogere aandeelhouderswaarde op termijn. Die programma's zijn typisch gerelateerd aan de prestatie van de vennootschap op langere termijn en met de toekomstige waardevermeerdering van de aandelen van de vennootschap.
Het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder bestaat uit een basissalaris, een korte termijn, een middellange termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Het remuneratiepakket moet competitief zijn en op maat van de verantwoordelijkheden van een Gedelegeerd Bestuurder die aan het hoofd staat van een wereldwijd actieve industriële groep met diverse business platforms.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité beveelt ieder jaar een aantal doelstellingen aan die rechtstreeks van het business plan zijn afgeleid en die gebaseerd zijn op overige aan de Gedelegeerd Bestuurder toe te vertrouwen prioriteiten. Die doelstellingen bevatten zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen, en worden over een vooraf bepaalde periode gemeten (tot drie jaren ver). Die doelstellingen, alsmede de eindejaarsbeoordeling van de realisaties, worden door het Comité gedocumenteerd en aan de voltallige Raad van Bestuur voorgelegd. De eindbeoordeling leidt tot een waardering door de Raad van Bestuur, gebaseerd op gemeten resultaten, van alle prestatiegebonden elementen uit het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder.
Het remuneratiepakket van de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder bestaat uit een basissalaris, een korte termijn, een middellange termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Het remuneratiepakket moet competitief zijn en op maat van de rol en de verantwoordelijkheden van elk BGE lid, dat tot een team behoort dat leiding geeft aan een wereldwijd actieve industriële groep met diverse business platforms.
De Gedelegeerd Bestuurder evalueert de prestatie van ieder ander lid van het BGE, en legt zijn prestatiewaardering voor aan het Benoemings- en Remuneratiecomité. Die evaluatie gebeurt jaarlijks op basis van gedocumenteerde doelstellingen die rechtstreeks van het business plan zijn afgeleid en die rekening houden met de specifieke verantwoordelijkheden van elk lid van het BGE.
De realisaties die op basis van die doelstellingen gemeten worden bepalen alle prestatiegebonden elementen uit het remuneratiepakket van elk ander lid van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder. De objectieven bevatten zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen, en worden over een vooraf bepaalde periode gemeten (tot drie jaren ver).
Het concrete bedrag van de vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE wordt bepaald door de Raad van Bestuur op gemotiveerde aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
Bekaert evalueert regelmatig haar volledig remuneratiebeleid teneinde het af te stemmen op de economische context en op wettelijke vereisten. Het remuneratiebeleid omtrent de middellange- en lange termijn variabele vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het Uitvoerend Management wordt momenteel bekeken teneinde de afstemming op de belangen van de vennootschap en haar aandeelhouders te optimaliseren.
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de bestuurders werden toegekend door de vennootschap of haar dochtervennootschappen met betrekking tot 2014 wordt in de tabel hierna op individuele basis vermeld.
De vergoeding van de Voorzitter voor de uitoefening van al zijn opdrachten in de vennootschap was een vast brutobedrag van € 250 000.
De vergoeding van elke bestuurder, behalve de Voorzitter, voor de uitoefening van zijn opdracht als lid van de Raad van Bestuur bestond uit een vast bedrag van € 42 000 en uit een variabel bedrag van € 4 200 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van de Raad van Bestuur.
De vergoeding van de Voorzitter van het Audit en Finance Comité, voor de uitoefening van haar opdracht als Voorzitter en als lid van het Comité, bestond uit een variabel bedrag van € 4 000 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van het Comité.
De vergoeding van elke bestuurder, behalve de Voorzitter en de Gedelegeerd Bestuurder, voor de uitoefening van zijn opdracht als lid van een Comité van de Raad van Bestuur bestond uit een variabel bedrag van € 3 000 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van het Comité.
| in € Vaste Vergoeding | Variabele aanwezigheids vergoeding Raad van Bestuur |
Variabele aanwezigheids vergoeding Comités |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| Voorzitter | ||||
| Paul Buysse | 208 350 | 208 350 | ||
| Bert De Graeve | 145 833 | 145 833 | ||
| Bestuurders | ||||
| Alan Begg | 42 000 | 25 200 | 12 000 | 79 200 |
| Leon Bekaert | 42 000 | 25 200 | 9 000 | 76 200 |
| Roger Dalle | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 |
| Bert De Graeve | 21 000 | 12 600 | 0 | 33 600 |
| Charles de Liedekerke | 42 000 | 25 200 | 9 000 | 76 200 |
| François de Visscher | 42 000 | 21 000 | 6 000 | 69 000 |
| Anthony Galsworthy | 21 000 | 12 600 | 3 000 | 36 600 |
| Hubert Jacobs van Merlen | 42 000 | 25 200 | 6 000 | 73 200 |
| Maxime Jadot | 42 000 | 25 200 | 6 000 | 73 200 |
| Lady Barbara Judge CBE | 42 000 | 25 200 | 29 000 | 96 200 |
| Mei Ye | 21 000 | 25 200 | 0 | 46 200 |
| Matthew Taylor | 21 000 | 12 600 | 0 | 33 600 |
| Bernard van de Walle de Ghelcke | 42 000 | 25 200 | 0 | 67 200 |
| Baudouin Velge | 42 000 | 25 200 | 15 000 | 82 200 |
| Manfred Wennemer | 42 000 | 25 200 | 6 000 | 73 200 |
| Total vergoedingen Bestuurders 1 337 183 |
In zijn hoedanigheid van bestuurder heeft de Gedelegeerd Bestuurder recht op dezelfde remuneratie als de niet-uitvoerende bestuurders, behalve de vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van Comités van de Raad van Bestuur, waarvoor hij geen vergoeding ontvangt (cf. de bovenstaande tabel). De door de Gedelegeerd Bestuurder in zijn hoedanigheid van bestuurder ontvangen vergoeding is begrepen in zijn basissalaris dat in de volgende tabel is vermeld.
Het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE bevat drie prestatiegebonden elementen:
Tegen pari niveau, bedraagt de waarde van de elementen van de variabele vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het BGE meer dan 25% van hun totale vergoeding. Meer dan een vierde van de totale betaling van deze variabele vergoeding wordt uitgesteld met minimum 24 maanden, terwijl een ander vierde van de totale betaling enkel definitief is toegekend na een periode van drie jaar.
In lijn met de in 2013 aangekondigde wijzigingen aan de top van de onderneming, was Bert De Graeve Gedelegeerd Bestuurder tot en met de Gewone Algemene Vergadering van 14 mei 2014 waarna hij Voorzitter werd van de Raad van Bestuur.
Zoals gepland, werd Matthew Taylor die inkomend Gedelegeerd Bestuurder was tijdens de eerste maanden van het jaar, Gedelegeerd Bestuurder op 14 mei 2014.
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks door de vennootschap of haar dochtervennootschappen aan de Gedelegeerd Bestuurders werden toegekend voor hun opdracht als Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2014 wordt hierna vermeld.
| Bert De Graeve | Remuneratie(1) | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Basissalaris | 337 415 | Bevat Belgisch basissalaris en alle Belgische en buitenlandse bestuurdersvergoedingen (2) |
| Korte termijn variabele vergoeding |
125 000 | Jaarlijkse variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2014, betaald in 2015 |
| Middellange termijn variabele vergoeding |
0 | Middellange termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2012-2014 |
| Lange termijn variabele remuneratie: gewone toekenning van aandelenopties |
0 | Aantal toegekende aandelenopties |
| Pensioen | 228 986 | Toegezegde bijdragenregeling |
| Andere remuneratie elementen |
45 631 | Bevat bedrijfswagen en verzekeringen |
(1) Met betrekking tot 2014 (januari - mei), in €
(2) Het basissalaris is inclusief de vergoeding door de Gedelegeerd Bestuurder ontvangen in zijn hoedanigheid van bestuurder.
| Matthew Taylor | Remuneratie(1) | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Basissalaris | 409 474 Bevat Belgisch basissalaris en alle Belgische en buitenlandse bestuurdersvergoedingen (2) |
|
| Korte termijn variabele vergoeding |
330 208 Jaarlijkse variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2014, betaald in 2015(3), met inbegrip van een instapvergoeding |
|
| Middellange termijn variabele vergoeding |
0 Middellange termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2012-2014 |
|
| Lange termijn variable remuneration: - gewone toekenning van aandelenopties |
80 000 Aantal toegekende aandelenopties |
|
| Pensioen | 80 208 Toegezegde bijdragenregeling |
|
| Andere remuneratie elementen |
19 907 Bevat bedrijfswagen en verzekeringen |
(1) Met betrekking tot 2014 (juni - december), in €
(2) Het basissalaris is inclusief de vergoeding door de Gedelegeerd Bestuurder
ontvangen in zijn hoedanigheid van bestuurder.
(3) Met uitzondering van de uitgestelde jaarlijke variabale vergoeding gebaseerd op prestatie van 2014.
Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder werden toegekend door de vennootschap of haar dochtervennootschappen met betrekking tot 2014 wordt hierna op globale basis vermeld. Deze tabel bevat de remuneratie en andere voordelen die aan de inkomend Gedelegeerd Bestuurder zijn verleend tot aan zijn benoeming tot Gedelegeerd Bestuurder op 14 mei 2014.
| Remuneratie(1) | Opmerkingen | |
|---|---|---|
| Basissalaris | 2 917 993 Bevat Belgisch basissalaris en alle Belgische en buitenlandse bestuurdersvergoedingen |
|
| Korte termijn variabele vergoeding |
738 790 Jaarlijkse variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2014, betaald in 2015 |
|
| Middellange termijn variabele vergoeding |
0 Middellange termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestatie in 2012-2014 |
|
| Pensioen | 434 230 Toegezegde bijdragen- en toegegezegde pensioenregeling |
|
| Andere remuneratie elementen |
158 549 Bevat bedrijfswagen en verzekeringen |
(1) Met betrekking tot 2014, in €
Het aantal aandelenopties dat in 2014 aan de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE werd toegekend, en het aantal aandelenopties dat in 2014 door hen werd uitgeoefend of is vervallen wordt op individuele basis in de onderstaande tabel vermeld.
De aan de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE toegekende aandelenopties zijn gebaseerd op het SOP2010-2014 plan dat in 2010 door de Raad van Bestuur werd voorgesteld en door een Bijzondere Algemene Vergadering werd goedgekeurd. Het plan biedt opties tot verwerving van bestaande aandelen van de vennootschap aan. Er vindt één gewoon aanbod van opties plaats in december in elk van de jaren 2010 tot en met 2014, en de opties worden toegekend op de 60ste dag volgend op de dag van het aanbod (d.i. in februari van het jaar daarop). Het totaal aantal aan te bieden opties wordt ieder jaar door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité bepaald. Het aantal aan elke individuele begunstigde aan te bieden opties is ten dele variabel, op basis van een beoordeling van de lange termijn bijdrage van de betrokken persoon tot het succes van de vennootschap. De opties worden gratis aan de begunstigden aangeboden. Elke aanvaarde optie verleent de houder het recht op verwerving van één bestaand aandeel van de vennootschap tegen betaling van de uitoefenprijs, die definitief wordt bepaald ten tijde van het aanbod en die gelijk is aan het laagste van: (i) de gemiddelde slotkoers van de aandelen van de vennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die de dag van het aanbod voorafgaan, of (ii) de laatste slotkoers die de dag van het aanbod voorafgaat.
De uitoefenprijs van de in december 2013 aangeboden en in februari 2014 toegekende aandelenopties bedraagt € 25,38.
Onder voorbehoud van de gesloten periodes en de sperperiodes voor de handel in aandelen en van het planreglement kunnen de opties uitgeoefend worden vanaf het begin van het vierde kalenderjaar na de datum van hun aanbod tot het einde van het tiende kalenderjaar na de datum van hun aanbod.
De aandelenopties die in 2014 uitoefenbaar waren, zijn gebaseerd op de plannen die het SOP2010-2014 plan voorafgingen. De bepalingen van die plannen zijn gelijkaardig aan die van het SOP2010-2014 plan, met dien verstande dat de aan werknemers toegekende opties de vorm hadden van warrants die de houders het recht verlenen tot verwerving van nieuw uit te geven aandelen van de vennootschap, terwijl zelfstandige begunstigden recht hebben op verwerving van bestaande aandelen zoals in het SOP2010-2014 plan.
| Naam | Aantal toegekende aandelenopties in 2014 |
Aantal uitgeoefende aandelenopties in 2014 |
Aantal vervallen aandelenopties in 2014 |
|---|---|---|---|
| Matthew Taylor | 80 000 | - | - |
| Bruno Humblet | 21 000 | - | - |
| Lieven Larmuseau |
7 500 | - | - |
| Dominique Neerinck |
12 000 | - | - |
| Geert Van Haver | 9 000 | - | - |
| Piet Van Riet | 3 200 | - | - |
| Curd Vandekerckhove |
14 000 | - | - |
| Frank Vromant | 14 000 | - | - |
| Bart Wille | 14 000 | - | - |
Behalve de bovengenoemde aandelenopties worden geen aandelen noch rechten tot verwerving van aandelen aan de Gedelegeerd Bestuurder of aan enig ander lid van het BGE toegekend.
Het Belgisch recht en de normale praktijk vormen de basis voor de vertrekregelingen met de uitvoerende managers, behalve met de Gedelegeerd Bestuurder, de Chief Financial Officer en de Chief Human Resources Officer, van wie de ten tijde van hun benoeming overeengekomen contractuele regelingen een opzeggingstermijn van 12 maanden voorzien.
Geen lid van het Uitvoerend Management heeft in 2014 de Groep verlaten.
Er bestaan geen bepalingen die de vennootschap het recht verlenen een variabele remuneratie terug te vorderen die aan uitvoerende managers zou zijn toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.
Bekaert wil haar aandeelhouders transparante financiële informatie verschaffen. We streven een continue communicatie na in open dialoog met onze aandeelhouders. Bekaert heeft er altijd voor gekozen snel te reageren op nieuwe internationale regelgeving. De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt conform de International Financial Reporting Standards (IFRS), die door de Europese Unie zijn goedgekeurd. Zowel particuliere als institutionele beleggers kunnen rekenen op ons voortdurend streven naar transparante verslaggeving, zowel op aandeelhoudersvergaderingen als tijdens bijeenkomsten met analisten.
Het Bekaertaandeel noteert op NYSE Euronext Brussels als ISIN BE0974258874 (BEKB) en werd voor het eerst genoteerd in december 1972. De ICB-sectorcode is 2727 Diversified Industrials.
2014 begon met een korte periode van onzekerheid in de markt tot een duidelijke groeitrend inzette dankzij geruststellende verklaringen over interestvoeten van de Europese Centrale Bank.
De aankondiging van Bekaerts 2013 jaarresultaten, en van de overname van de Pirelli staalkoord vestigingen op 28 februari 2014 werden goed ontvangen door de markt. Het aandeel won 6.5% op de dag van de aankondiging en zette in de volgende maand de positieve trend voort. Midden mei keerde deze trend naar aanleiding van de aankondiging van Bekaerts eerste kwartaal trading update en de uitbetaling van het dividend. Van juni tot augustus volgde een periode van ups en downs veroorzaakt door enerzijds de politieke onzekerheid in Ukraïne en Schotland en geruststellende verklaringen van FED en ECB anderzijds. Het Bekaert aandeel bleef relatief sterk tijdens de zomermaanden.
Van september tot midden oktober verloor het Bekaert aandeel tot 20% door de Auto Index val. De markten waren bezorgd door een opeenvolging van negatief nieuws op verschillende economische fronts en op globaal niveau.
Op 14 november publiceerde Bekaert haar derde kwartaal trading update. De update werd goed ontvangen door de markten en het aandeel won ongeveer 10% in de drie dagen die volgden op de aankondiging, ondanks de voorzichtige vooruitblik van de onderneming voor het vierde kwartaal van 2014.
De meeste financiële markten daalden in December, gedreven door onzekerheden in verschillende domeinen. Ook het Bekaert aandeel zakte door bezorgdheden die het gevolg waren van een winstwaarschuwing door één van Bekaerts concurrenten voor staalkoord voor banden in China.
| in € | 2010 | 2011 | 2012 | 2013 | 2014 |
|---|---|---|---|---|---|
| Koers op 31 December | 85,900 | 24,785 | 21,875 | 25,720 26,345 | |
| Hoogste koers | 86,960 | 87,980 | 33,500 | 31,110 30,195 | |
| Laagste koers | 32,867 | 23,500 | 17,210 | 20,010 21,900 | |
| Gemiddelde koers | 53,819 | 54,694 | 22,592 | 24,926 27,155 | |
| Dagelijks volume | 195 856 284 289 218 850 126 923 82 813 | ||||
| Dagelijkse omzet (in miljoen €) | 10,9 | 14,5 | 5,0 | 3,1 | 2,1 |
| Jaarlijkse omzet (in miljoen €) | 2 833 | 3 774 | 1 313 | 796 | 527 |
| Omloopsnelheid (%, jaarlijks | 85 | 122 | 93 | 54 | 35 |
| Omloopsnelheid (%, aangepaste free float) |
130 | 188 | 144 | 83 | 54 |
| Free float (%) | 61,9 | 61,7 | 61,9 | 62,6 | 61,8 |
* Alle gegevens per aandeel van voor 2010 werden aangepast in functie van de aandelensplitsing
Het aantal dagelijks verhandelde aandelen was met 83 000 aandelen in 2014, ongeveer 35% lager in vergelijking met het vorige jaar. Het volume piekte op 28 februari, met 451 899 verhandelde aandelen.
Bekaert bekleedt de 18de plaats in de BEL20, met een marktkapitalisatie van € 1,58 miljard, een free float marktkapitalisatie van € 1,03 miljard (61,80% en binnen een free float band van 65%), een band adjusted velocity van 54% en een gewicht van 1,08 %.
Bekaert tegenover NEXT100 en NEXT150
De aandelenstructuur toont een vrij sterke internationalisering.
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft Bekaert, in haar statuten, aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,5% toegevoegd. Een overzicht van de actuele kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer is te vinden in het hoofdstuk informatie met betrekking tot de moedervennootschap (deelnemingen in het kapitaal).
De hoofdaandeelhouders bezitten 38,2% van de aandelen, terwijl de geïdentificeerde institutionele aandeelhouders 30,36% van de aandelen bezitten. De individuele beleggers vertegenwoordigen 13,31% terwijl Private Banking goed is voor 6,63% en 4,39% van de aandelen ongeïdentificeerd is. Van het totale aantal Bekaert aandelen is 2,87% op naam.
Per 31 december 2014 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap € 176 914 000, vertegenwoordigd door 60 111 405 aandelen zonder vermelding van waarde. De aandelen zijn op naam of gedematerialiseerd.
De Gewone Algemene Vergadering gehouden op 9 mei 2012 heeft de Raad van Bestuur gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap in één of meerdere malen te verhogen met een totaal maximum bedrag van € 176 000 000 (exclusief enige uitgiftepremie). Deze machtiging geldt voor een periode van vijf jaar na 5 juni 2012 en kan worden hernieuwd overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen. Krachtens deze machtiging kan de Raad van Bestuur onder andere een kapitaalverhoging doorvoeren in het kader van het toegestaan kapitaal door middel van de uitgifte van gewone aandelen, inschrijvingsrechten of converteerbare obligaties, en mag ze het voorkeurrecht van de aandeelhouders van de vennootschap beperken of opheffen. Bovendien werd de Raad van Bestuur gemachtigd om, binnen een periode van drie jaar na 26 juni 2014, gebruik te maken van het toegestaan kapitaal na ontvangst door de vennootschap van een mededeling door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) van een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap.
De Raad van Bestuur heeft gebruik gemaakt van haar bevoegdheden in het kader van het toegestaan kapitaal toen hij op 21 mei 2014 besloot om niet-gesubordineerde niet-gewaarborgde converteerbare obligaties uit te geven met vervaldag op 18 juni 2018 voor een totaal bedrag van ongeveer € 300 000 000. Deze converteerbare obligaties brengen een interest van 0,75% per jaar op en de conversieprijs bedraagt € 37,06 per aandeel.
In verband met de uitgifte van de converteerbare obligaties, besloot de Raad van Bestuur om het voorkeurrecht van de bestaande aandeelhouders bepaald in de artikelen 596 en volgende van het Wetboek van vennootschappen op te heffen. De voorwaarden van de converteerbare obligaties laten de vennootschap toe om, bij conversie van de obligaties, nieuwe of bestaande aandelen te leveren of een bedrag in cash te betalen.
Teneinde de verwatering voor bestaande
aandeelhouders bij conversie van de converteerbare obligaties te verzachten, heeft de Raad van Bestuur het voornemen om waar mogelijk het bedrag in hoofdsom van de converteerbare obligaties in cash terug te betalen en, indien de dan geldende aandeelprijs boven de conversieprijs ligt, het verschil in bestaande aandelen van de vennootschap te betalen.
De Raad van Bestuur is een programma van aandeleninkoop gestart teneinde aandelen te kopen, in een aantal dat al dan niet gelijk kan zijn aan het maximum aantal van bestaande aandelen die vereist zouden zijn teneinde het verschil tussen de conversieprijs en de dan geldende aandeelprijs bij conversie van de obligaties te betalen. De conversie van de converteerbare obligaties zou dan geen verwateringseffect voor de bestaande aandeelhouders hebben.
Bovendien laten de voorwaarden van de converteerbare obligaties de vennootschap toe de obligaties in bepaalde omstandigheden terug te betalen tegen hun bedrag in hoofdsom samen met de opgelopen rente, bijvoorbeeld als de aandelen van de vennootschap worden verhandeld tegen een hogere prijs dan 130% van de conversieprijs gedurende een bepaalde periode na 9 juli 2016.
Het totale aantal uitstaande, in Bekaert aandelen converteerbare warrants onder de SOP1 en SOP2005-2009 aandelenoptieplannen bedraagt 490 106.
In de loop van 2014 werden in totaal 47 534 warrants uitgeoefend onder de SOP1 en SOP2005-2009 aandelenoptieplannen voor werknemers. Dit resulteerde in de uitgifte van 47 534 nieuwe aandelen van de vennootschap, een verhoging van het maatschappelijk kapitaal met € 141 000 en een verhoging van de uitgiftepremie met € 637 914,29.
Benevens de 1 652 677 aandelen in portefeuille op 31 december 2013 heeft Bekaert 2 622 333 eigen aandelen ingekocht in 2014. Geen van die aandelen werd in 2014 geleverd in het kader van aandelenoptieplannen of vernietigd. Bijgevolg hield de vennootschap 4 275 010 aandelen in portefeuille op 31 december 2014.
De vierde gewone toekenning van opties in het kader van het SOP2010-2014 plan vond plaats op 17 februari 2014: er werden 373 450 opties toegekend. Elke optie zal kunnen worden omgezet in één bestaand aandeel van de vennootschap tegen een uitoefenprijs van € 25,38.
Op 18 december 2014 vond een vijfde en laatste gewoon aanbod van 364 700 opties plaats onder het SOP2010-2014 plan, waarvan er 349 810 werden aanvaard en op 16 februari 2015 toegekend. Elke optie van de vijfde gewone serie zal in één bestaand aandeel van de vennootschap omgezet kunnen worden tegen een uitoefenprijs van € 26,055.
Het SOP2010-2014 plan en zijn voorgangers zijn conform de relevante bepalingen van de wet van 26 maart 1999 en de artikelen 520ter en 525, laatste lid, van het Wetboek van vennootschappen.
Het is het beleid van de Raad van Bestuur om de Gewone Algemene Vergadering een winstverdeling voor te stellen die, in zoverre de winst het toelaat, enerzijds een stabiel of toenemend dividend oplevert en anderzijds een adequate cashflow verzekert voor investeringen en zelffinanciering ter ondersteuning van de groei. In de praktijk betekent dit dat de vennootschap streeft naar een pay-out ratio van circa 40% van het aan de Groep toerekenbare perioderesultaat over de lange termijn.
| in € 2010 | 2011 | 2012 | 2013 | 2014** | |
|---|---|---|---|---|---|
| Tussentijds/interim dividend | 0,667 | 0,67 | |||
| Dividend zonder tussentijds interimdividend |
1,000 0,500 0,850 0,850 | 0,850 | |||
| Totaal brutodividend | 1,667 1,170 0,850 0,850 | 0,850 | |||
| Netto dividend*** | 1,250 0,878 0,638 0,638 | 0,638 | |||
| Coupon number | 12-13 14-15 | 16 | 17 | 18 |
* Alle gegevens per aandeel van voor 2010 werden aangepast in functie van de
aandelensplitsing
** Dividend onderhevig aan goedkeuring door de algemene vergadering van aandeelhouders 2015.
*** Onderhevig aan de taks-wetgeving van toepassing
De Raad van Bestuur zal de op 13 mei 2015 te houden Gewone Algemene Vergadering voorstellen een brutodividend van € 0,85 per aandeel uit te keren.
De Gewone Algemene Vergadering vond op 14 mei 2014 plaats. Een Buitengewone Algemene Vergadering werd gehouden op dezelfde dag. De besluiten van de vergaderingen zijn op www.bekaert.com terug te vinden. Meer gedetailleerde informatie vindt u in de Bekaert
Shareholders Guide 2014 en op www.bekaert.com.
De statuten bevatten geen beperkingen inzake de overdraagbaarheid van de aandelen, behoudens ingeval van controlewijziging, voor dewelke conform artikel 11 van de statuten de voorafgaande goedkeuring van de Raad van Bestuur moet worden aangevraagd.
Voor het overige zijn de aandelen vrij overdraagbaar. De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige wettelijke beperking op de overdracht van aandelen in hoofde van enige aandeelhouder.
Elk aandeel geeft recht op één stem. De statuten bevatten geen beperkingen van het stemrecht en iedere aandeelhouder kan zijn stemrecht uitoefenen op voorwaarde dat hij geldig werd toegelaten tot de Algemene Vergadering en dat zijn rechten niet werden geschorst. De regels inzake de toelating tot de Algemene Vergadering zijn opgenomen in het Wetboek van vennootschappen en in artikelen 31 en 32 van de statuten. Krachtens artikel 10 kan de vennootschap de uitoefening schorsen van rechten verbonden aan effecten die toebehoren aan verscheidene eigenaars.
Niemand kan op de Algemene Vergadering aan een stemming deelnemen voor stemrechten die verbonden zijn aan effecten waarvan hij niet krachtens de wet tijdig kennis heeft gegeven. De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige andere wettelijke beperking inzake de uitoefening van het stemrecht.
De Raad van Bestuur zijn geen
aandeelhoudersovereenkomsten bekend welke aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdracht van effecten of van de uitoefening van het stemrecht, met uitzondering van de overeenkomsten vermeld in de kennisgevingen die opgenomen zijn in het hoofdstuk Informatie met betrekking tot de moedervennootschap (deelnemingen in het kapitaal).
De statuten (artikelen 15 en volgende) en het Bekaert Charter bevatten specifieke regels inzake de (her)benoeming, vorming en evaluatie van bestuurders.
De bestuurders worden voor een maximale duur van vier jaar door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd, die hen ook te allen tijde kan ontslaan. Een besluit tot benoeming of ontslag behoeft de gewone meerderheid van de stemmen.
De kandidaten voor de opdracht van bestuurder, die deze opdracht nog niet vervuld hebben in de vennootschap, moeten ten laatste twee maanden vóór de Gewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur op de hoogte brengen van hun kandidatuur.
Enkel wanneer een plaats van bestuurder vroegtijdig openvalt, kunnen de overblijvende bestuurders zelf een nieuwe bestuurder benoemen (coöpteren). In dat geval zal de eerstvolgende Algemene Vergadering de definitieve benoeming doen.
Het benoemingsproces van bestuurders wordt geleid door de Voorzitter van de Raad van Bestuur. Het Benoemings- en Remuneratiecomité doet een gemotiveerde aanbeveling aan de voltallige Raad, die op basis daarvan beslist welke kandidaten worden voorgedragen aan de Algemene Vergadering. Bestuurders zijn in de regel herbenoembaar voor een onbeperkt aantal termijnen, met dien verstande dat bestuurders ten tijde van hun initiële benoeming niet jonger mogen zijn dan 35 jaar en niet ouder dan 66 jaar, en dat een bestuurder ontslag moet nemen in het jaar waarin hij de leeftijd van 69 jaar bereikt.
De statuten kunnen door de Buitengewone Algemene Vergadering worden gewijzigd conform de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen. Elke statutenwijziging behoeft een bijzondere meerderheid van stemmen.
De Raad van Bestuur is op grond van artikel 44 van de statuten gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal in één of meerdere malen te verhogen met een maximum bedrag van € 176 000 000. De duur van deze machtiging bedraagt vijf jaar vanaf 5 juni 2012, doch is door de Algemene Vergadering hernieuwbaar. In het kader van deze machtiging kan de Raad van Bestuur ook gedurende een periode van drie jaar vanaf 26 juni 2014, in geval van ontvangst door de vennootschap van een mededeling door de FSMA van een openbaar overnamebod, het maatschappelijk kapitaal verhogen voor zover:
Ook deze machtiging is hernieuwbaar door de Algemene Vergadering.
Verder is de Raad van Bestuur krachtens artikel 12 van de statuten gemachtigd om maximum het aantal aandelen te verkrijgen waarvan de gezamenlijke fractiewaarde niet hoger is dan 20% van het geplaatste kapitaal, gedurende een periode van vijf jaar vanaf 5 juni 2012 (die door de Algemene Vergadering kan worden hernieuwd), tegen een prijs die ligt tussen één euro als minimumwaarde en 30% boven het rekenkundig gemiddelde van de slotkoers van het Bekaert-aandeel gedurende de laatste 30 beursdagen vóór het besluit van de Raad van Bestuur tot verkrijging als maximumwaarde.
De Raad van Bestuur is gemachtigd om alle of een gedeelte van de ingekochte aandelen gedurende die periode van vijf jaar te vernietigen. De Raad van Bestuur is tevens gemachtigd om eigen aandelen te verkrijgen wanneer dit noodzakelijk is ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de vennootschap, zoals een openbaar overnamebod. Deze machtiging is toegekend voor een periode van drie jaar vanaf 5 juni 2012, doch kan door de Algemene Vergadering verlengd worden.
Artikelen 12bis en 12ter van de statuten bevatten regels voor de vervreemding van ingekochte aandelen en voor de verwerving en vervreemding van aandelen door dochtervennootschappen. De bevoegdheden van de Raad van Bestuur zijn in detail beschreven in de toepasselijke wettelijke bepalingen terzake, de statuten en het Bekaert Charter.
De vennootschap is partij bij een aantal belangrijke overeenkomsten die in werking treden, wijzigingen ondergaan of aflopen in geval van een wijziging van controle over de vennootschap, al dan niet na een openbaar overnamebod. In de mate waarin op grond van deze overeenkomsten aan derden rechten worden toegekend die een invloed hebben op het vermogen van de vennootschap, dan wel een schuld of een verplichting te haren laste doen ontstaan, werden deze rechten, conform artikel 556 van het Wetboek van vennootschappen, goedgekeurd door de Bijzondere Algemene Vergaderingen van 13 april 2006, 16 april 2008, 15 april 2009, 14 april 2010 en 7 april 2011 en door de Gewone Algemene Vergaderingen van 9 mei 2012, 8 mei 2013 en 14 mei 2014; de notulen van die vergaderingen werden op 14 april 2006, 18 april 2008, 17 april 2009, 16 april 2010, 15 april 2011, 30 mei 2012, 23 mei 2013 en 20 juni 2014 ter griffie van de Rechtbank van Koophandel te Kortrijk neergelegd en zijn beschikbaar op www.bekaert.com.
Het betreft in hoofdzaak joint venture overeenkomsten (die de relaties tussen partijen in het kader van een gemeenschappelijke dochtervennootschap omschrijven), overeenkomsten waarbij door financiële instellingen of particuliere investeerders geldmiddelen ter beschikking van de vennootschap of van een van haar dochtervennootschappen worden gesteld, en overeenkomsten tot levering van goederen of diensten door of aan de vennootschap. Elk van deze overeenkomsten bevat clausules die, ingeval van wijziging van de controle van de vennootschap, de wederpartij in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden het recht verlenen om de overeenkomst vervroegd te beëindigen, en in het geval van een financiële overeenkomst tevens de vervroegde terugbetaling van de ter beschikking gestelde geldmiddelen te eisen. In het geval van joint venture overeenkomsten wordt voorzien dat, ingeval van controlewijziging van de vennootschap, de wederpartij de participatie van de vennootschap in de joint venture kan verwerven (met uitzondering van de Chinese vennootschappen, waarbij partijen in overleg dienen te bepalen of een partij de joint venture alleen voortzet, waarna deze de participatie van de andere partij dient te kopen), waarbij de waarde tegen dewelke de participatie alsdan is over te dragen wordt bepaald in functie van contractuele formules die beogen een overdracht tegen een arm's length prijs te verzekeren.
De vennootschap heeft geen effecten uitgegeven waaraan bijzondere zeggenschapsrechten verbonden zijn.
De zeggenschapsrechten verbonden aan de door de werknemers ingevolge de aandelenoptieplannen te verwerven aandelen worden rechtstreeks door de betrokken werknemers uitgeoefend.
Tussen de vennootschap en haar bestuurders of werknemers werden geen overeenkomsten gesloten die in vergoedingen voorzien wanneer, naar aanleiding van een openbaar overnamebod, de bestuurders ontslag nemen of zonder geldige reden moeten afvloeien of de tewerkstelling van de werknemers beëindigd wordt.
De volgende beschrijving van Bekaerts interne controleen risicobeheerssystemen is gebaseerd op de 'Internal Control Integrated Framework' (1992) en de 'Enterprise Risk Management Framework' (2004), gepubliceerd door het 'Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission' ('COSO'').
De organisatie van de diensten boekhouding en controle bestaat uit drie niveaus: (i) het boekhoudkundige team in de verschillende juridische entiteiten of gezamenlijke dienstencentra, verantwoordelijk voor de voorbereiding en de rapportering van de financiële informatie, (ii) de controllers op de verschillende niveaus in de organisatie (zoals fabriek en regio), verantwoordelijk voor o.a. het nazicht van de financiële informatie in hun verantwoordelijkheidsdomein, en (iii) de dienst Groepscontrole, verantwoordelijk voor het finale nazicht van de financiële informatie van de verschillende juridische entiteiten en voor de voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening.
Naast bovengemelde gestructureerde controles, voert het interne audit departement een risico-gebaseerd programma uit om de doeltreffendheid van de interne controle in de verschillende processen op het niveau van de juridische entiteiten te valideren en een betrouwbare financiële rapportering te verzekeren.
De geconsolideerde jaarrekening van Bekaert is opgemaakt in overeenstemming met de 'International Financial Reporting Standards' (IFRS), onderschreven door de Europese Unie. Die jaarrekening is eveneens conform de IFRS uitgegeven door de 'International Accounting Standards Board'.
Alle IFRS-boekhoudnormen, richtlijnen en interpretaties, toe te passen door alle jurdische entiteiten, zijn gegroepeerd in het IFRS handboek, die beschikbaar is op het Bekaert intranet voor alle werknemers die betrokken zijn bij de financiële rapportering. Dit handboek wordt regelmatig aangepast door Groepscontrole ingeval van relevante wijzigingen in IFRS, of interpretaties ervan, en de gebruikers worden van elke dergelijke wijziging op de hoogte gebracht. IFRS-opleidingen vinden plaats in de verschillende regio's wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.
De overgrote meerderheid van de vennootschappen van de Groep gebruikt Bekaerts globale 'enterprise resource planning' ('ERP') systeem, en de boekhoudkundige transacties worden ingeboekt in een uniform rekeningenstelsel, waarbij boekhoudkundige handboeken de standaard manier van boeking voor de meest relevante transacties beschrijven. Deze boekhoudkundige handboeken worden aan de gebruikers toegelicht tijdens opleidingssessies en zijn beschikbaar op het Bekaert intranet.
Alle vennootschappen van de Groep gebruiken dezelfde software om de financiële gegevens te rapporteren voor consolidatie en externe rapporteringsdoeleinden. Een rapporteringshandboek is beschikbaar op het Bekaert intranet en opleidingen vinden plaats wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.
Er worden geschikte maatregelen genomen om een tijdige en kwalitatieve rapportering te garanderen en om de potentiële risico's die gerelateerd zijn aan het financiële rapporteringsproces te beperken, met inbegrip van: (i) goede coördinatie tussen de diensten Groepscommunicatie en Groepscontrole, (ii) zorgvuldige planning van alle activiteiten, met inbegrip van verantwoordelijken en timings, (iii) richtlijnen verdeeld door Groepscontrole naar de verantwoordelijken vóór de kwartaalrapportering, met inbegrip van relevante aandachtspunten, en (iv) opvolging en terugkoppeling van de stiptheid, kwaliteit en aandachtspunten om te streven naar continue verbetering.
Een kwartaalevaluatie vindt plaats over de financiële resultaten, bevindingen door het interne audit departement, en andere belangrijke controlegebeurtenissen, en de resultaten worden besproken met de commissaris.
Materiële wijzigingen in de IFRS-boekhoudnormen worden gecoördineerd door Groepscontrole, nagezien door de commissaris, gerapporteerd aan het Audit en Finance Comité, en geacteerd door de Raad van Bestuur van de vennootschap.
Materiële wijzigingen in de statutaire boekhoudnormen van een vennootschap worden goedgekeurd door diens Raad van Bestuur.
De correcte toepassing door de juridische entiteiten van de boekhoudnormen beschreven in het IFRS handboek, alsmede de juistheid, de consistentie en de volledigheid van de gerapporteerde informatie, worden op een permanente basis nagezien door de controleorganisatie (zoals boven beschreven). Bovendien worden alle relevante entiteiten op periodieke basis gecontroleerd door het interne audit departement. Voor de meest belangrijke onderliggende processen (verkoop, aankoop; investeringen, thesaurie, enz.) bestaan er richtlijnen en procedures die onderhevig zijn aan (i) een evaluatie door de respectieve managementteams middels een zelfbeoordelingstool, en (ii) controle door het interne audit departement op een roterende basis.
In het ERP-systeem wordt nauw toezicht gehouden op mogelijke conflicten met betrekking tot scheiding van verantwoordelijkheden.
Bekaert heeft in de meeste groepsvennootschappen een globaal ERP-systeemplatform ingevoerd om de efficiënte verwerking van transacties te ondersteunen en het management te voorzien van transparante en betrouwbare informatie om de operationele activiteiten te beheren, te controleren en te sturen.
De verstrekking van diensten van informatietechnologie om deze systemen te laten lopen, te onderhouden en te ontwikkelen, wordt in grote mate uitbesteed aan professionele toeleveranciers van IT-diensten die gestuurd en gecontroleerd worden door geëigende IT-controlestructuren en waarvan de kwaliteit bewaakt wordt door uitgebreide dienstverleningscontracten.
Samen met haar IT-toeleveranciers heeft Bekaert adequate managementprocessen geïmplementeerd om te verzekeren dat geschikte maatregelen op dagelijkse basis getroffen worden om de prestaties, de beschikbaarheid en de integriteit van haar IT-systemen te behouden. Op regelmatige ogenblikken wordt de geschiktheid van deze procedures nagetrokken en geauditeerd en waar nodig verder geoptimaliseerd.
Een gepaste toewijzing van verantwoordelijkheden, en coördinatie tussen de betrokken afdelingen, verzekeren een efficiënt en stipt communicatieproces van periodieke financiële informatie naar de markt. Voor het eerste en het derde kwartaal wordt een trading update gepubliceerd, terwijl alle relevante financiële informatie op halfjaarlijkse en op jaarlijkse basis wordt bekendgemaakt. Vóór de externe rapportering wordt de verkoops- en financiële informatie onderworpen aan (i) de gepaste controles door de bovengenoemde controleorganisatie, (ii) nazicht door het Audit en Finance Comité, en (iii) goedkeuring door de Raad van Bestuur van de vennootschap.
Elke beduidende wijziging in de door Bekaert toegepaste IFRS-boekhoudnormen wordt onderworpen aan nazicht door het Audit en Finance Comité en door de Raad van Bestuur van de vennootschap, met inbegrip van het eerste gebruik van IFRS in 2000.
De leden van de Raad van Bestuur worden op periodieke basis op de hoogte gehouden van de evolutie en belangrijke wijzigingen in de onderliggende IFRS-standaarden.
Relevante bevindingen van het interne audit departement en/of de commissaris in verband met de toepassing van de boekhoudnormen, de geschiktheid van de richtlijnen en procedures, en de scheiding van verantwoordelijkheden, worden gerapporteerd aan het Audit en Finance Comité.
Alle relevante financiële informatie wordt toegelicht aan het Audit en Finance Comité en de Raad van Bestuur om hen in staat te stellen de jaarrekening te analyseren. Alle gerelateerde persberichten worden goedgekeurd vóór hun verspreiding naar de markt.
Er wordt ook een periodieke thesaurie-update voorgelegd aan het Audit en Finance Comité.
Er bestaat een procedure om het relevante bestuursorgaan van de vennootschap op korte termijn bijeen te roepen wanneer de omstandigheden dit dicteren.
De Raad van Bestuur en het BGE hebben de Bekaert Gedragscode goedgekeurd, die voor het eerst uitgegeven werd op 1 december 2004 en aangepast werd op 1 maart 2009. De Gedragscode bepaalt de Bekaert missie en waarden, evenals de basisprincipes van het zakendoen door Bekaert. Naleving van de Gedragscode is verplicht voor alle groepsvennootschappen. De Gedragscode maakt als Appendix 3 deel uit van het Bekaert Charter en is beschikbaar op www.bekaert.com. Meer gedetailleerde procedures en richtlijnen worden opgemaakt indien nodig om de consistente toepassing van de Gedragscode doorheen de Groep te verzekeren.
Bekaerts interne controlemodel bestaat uit een aantal groepsprocedures voor de belangrijkste bedrijfsprocessen die wereldwijd toegepast worden. Bekaert heeft diverse middelen ter beschikking om de effectiviteit en de efficiëntie van het ontwerp en de werking van het interne controlemodel constant te bewaken.
Voor alle nieuwe medewerkers wordt een verplichte opleiding over interne controle georganiseerd, en er is een zelfbeoordelingstool in gebruik aan de hand waarvan de managementteams zichzelf kunnen evalueren omtrent de stand van zaken van de interne controle. Het interne audit departement bewaakt de interne controle situatie op basis van het globale model en rapporteert op elke vergadering van het Audit en Finance Comité.
Het BGE evalueert regelmatig de exposure van de Groep aan risico's, de potentiële financiële impact daarvan, en de acties die vereist zijn om de exposure op te volgen en te beheersen.
Op verzoek van de Raad van Bestuur en het Audit en Finance Comité heeft het management een globaal "enterprise risk management" ('ERM') kader ontwikkeld om de Groep op een expliciete manier bij te staan bij het beheersen van onzekerheid in Bekaerts waardecreatieproces. Het kader bestaat uit de identificatie, de evaluatie en de prioritizering van de voornaamste risico's waarmee Bekaert wordt geconfronteerd, en uit de permanente rapportering en opvolging van die voornaamste risico's (met inbegrip van de ontwikkeling en de implementatie van risicobeheersingsplannen).
De risico's worden in vijf categorieën geïdentificeerd: strategische, operationele, juridische, financiële en landenrisico's. De geïdentificeerde risico's worden op twee assen ondergebracht: waarschijnlijkheid, en impact of gevolgen. De evolutie van de risicogevoeligheid (afname, toename, stabiel) wordt eveneens gemeten teneinde de doeltreffendheid van de ondernomen acties en de potentiële wijzigingen in de risicocontext in aanmerking te nemen.
Bekaerts ERM verslag over 2014 bevat o.a. de volgende potentiële risico's:
Het overzicht van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen is opgenomen in het Financieel Overzicht van het Jaarverslag 2014, vanaf pagina 4. 1.
Een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden is opgenomen in de Corporate Governance Verklaring, pagina 52 in het eerste deel van het Jaarverslag 2014. Bovendien wordt verwezen naar Toelichtingen 3 (pagina's 21-23) en 7.3 (pagina's 79-93) bij de geconsolideerde jaarrekening, in het Financieel Overzicht in het Jaarverslag 2014.
| Geconsolideerde jaarrekening 4 | |
|---|---|
| Geconsolideerde winst-en-verliesrekening 4 | |
| Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat 5 | |
| Geconsolideerde balans 6 | |
| Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen 7 | |
| Geconsolideerd kasstroomoverzicht 8 |
| Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening 9 | ||
|---|---|---|
| 1. | Algemene informatie 9 | |
| 2. | Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor financiële verslaggeving 9 | |
| 2.1. | Conformiteitsverslag 9 | |
| - Nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties 9 |
||
| 2.2. | Algemene principes 11 | |
| - Voorstellingsbasis 11 | ||
| - Consolidatieprincipes 11 | ||
| - Valutaomrekening 12 | ||
| 2.3. | Balanselementen 12 | |
| - Immateriële activa 12 | ||
| - Goodwill en bedrijfscombinaties 13 | ||
| - Materiële vaste activa 14 | ||
| - Lease-overeenkomsten 14 | ||
| - Investeringssubsidies 14 | ||
| - Financiële activa 15 | ||
| - Voorraden 16 | ||
| - Kapitaal 16 | ||
| - Minderheidsbelangen 16 |
||
| - Voorzieningen 16 | ||
| - Voorzieningen voor personeelsbeloningen 16 | ||
| - Rentedragende schulden 17 | ||
| - Handelsschulden en overige verplichtingen op ten hoogste een jaar 18 - Winstbelastingen 18 |
||
| - Derivaten, afdekking en afdekkingsreserve 18 | ||
| - Bijzondere waardevermindering van activa 19 | ||
| 2.4. | Elementen van de winst-en-verliesrekening 19 | |
| - Opname van opbrengsten 19 | ||
| - Eenmalige opbrengsten en kosten 19 | ||
| 2.5. | Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen 20 | |
| 2.6. | Diverse 20 | |
| - Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten 20 | ||
| - Voorwaardelijke activa en verplichtingen 20 | ||
| - Gebeurtenissen na balansdatum 20 | ||
| 3. | Cruciale beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden 21 | |
| 3.1. | Cruciale beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving 21 | |
| 3.2. | Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden 22 | |
| 4. | Segmentrapportering 25 | |
| 5. 5.1. |
Elementen van de winst-en-verliesrekening en het volledig perioderesultaat 30 Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie 30 |
|
| 5.2. | Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten 32 | |
| 5.4. | Overige financiële opbrengsten en lasten 33 | |
|---|---|---|
| 5.5. | Winstbelastingen 34 | |
| 5.6. | Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen 35 | |
| 5.7. | Winst per aandeel 35 | |
| 6. | Balanselementen 37 | |
| 6.1. | Immateriële activa 37 | |
| 6.2. | Goodwill 38 | |
| 6.3. | Materiële vaste activa 41 | |
| 6.4. | Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen 43 | |
| 6.5. | Overige vaste activa 45 | |
| 6.6. | Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen 46 | |
| 6.7. | Operationeel werkkapitaal 49 | |
| 6.8. | Overige vorderingen 50 | |
| 6.9. | Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen 50 | |
| 6.10. Overige vlottende activa 51 | ||
| 6.11. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa 51 | ||
| 6.12. Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties 52 | ||
| 6.13. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves 56 | ||
| 6.14. Minderheidsbelangen 58 | ||
| 6.15. Voorzieningen voor personeelsbeloningen 61 | ||
| 6.16. | Overige voorzieningen 68 | |
| 6.17. Rentedragende schulden 69 | ||
| 6.18. Overige verplichtingen op meer dan een jaar 70 | ||
| 6.19. Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar 70 | ||
| 7. | Diverse elementen 71 | |
| 7.1. | Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht 71 | |
| 7.2. | Effect van bedrijfscombinaties 74 | |
| 7.3. | Beheer van financiële risico's en derivaten 79 | |
| 7.4. | Voorwaardelijke activa en verplichtingen en toezeggingen 94 | |
| 7.5. | Verbonden partijen 95 | |
| 7.6. | Gebeurtenissen na balansdatum 96 | |
| 7.7. | Opdrachten uitgevoerd door de Commissaris en aanverwante personen 96 | |
| 7.8. | Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen 97 |
| Informatie met betrekking tot de moedervennootschap 101 | |
|---|---|
| Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA 101 Voorstel van resultaatsverwerking NV Bekaert SA 2014 103 Statutaire benoemingen 104 |
| Verslag van de commissaris 105 | ||||
|---|---|---|---|---|
| --------------------------------- | -- | -- | -- | -- |
| Toe | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december | lichting | 2013 | 2014 |
| Omzet | 5.1. | 3 185 628 | 3 215 714 |
| Kostprijs van verkopen | 5.1. | -2 703 316 | -2 729 995 |
| Marge op omzet | 5.1. | 482 312 | 485 719 |
| Commerciële kosten | 5.1. | -128 207 | -138 126 |
| Administratieve kosten | 5.1. | -124 924 | -126 894 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | 5.1. | -62 429 | -59 261 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 5.1. | 12 502 | 21 978 |
| Andere bedrijfskosten | 5.1. | -13 337 | -19 009 |
| Bedrijfsresultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) | 5.1. | 165 917 | 164 407 |
| Eenmalige opbrengsten en kosten | 5.1. | -28 647 | 6 847 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 5.1. / 5.2. | 137 270 | 171 254 |
| Renteopbrengsten | 5.3. | 6 449 | 5 291 |
| Rentelasten | 5.3. | -70 154 | -68 215 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | 5.4. | -19 822 | -3 730 |
| Resultaat vóór belastingen | 53 743 | 104 600 | |
| Winstbelastingen | 5.5. | -47 916 | -42 376 |
| Resultaat na belastingen (geconsolideerde ondernemingen) | 5 827 | 62 224 | |
| Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde | |||
| ondernemingen | 5.6. | 30 244 | 25 330 |
| PERIODERESULTAAT | 36 071 | 87 554 | |
| Toerekenbaar aan | |||
| de Groep | 24 574 | 87 176 | |
| minderheidsbelangen van derden | 6.14. | 11 497 | 378 |
| 5.7. | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| 0,420 | 1,513 | |
| 0,419 | 1,333 | |
| Toe | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december | lichting | 2013 | 2014 |
| Perioderesultaat | 36 071 | 87 554 | |
| Andere elementen van het resultaat | 6.13. | ||
| Andere elementen van het resultaat die later geherklasseerd kunnen | |||
| worden naar de winst-en-verliesrekening | |||
| Omrekeningsverschillen | |||
| Omrekeningsverschillen van de periode | -85 642 | 91 826 | |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge afstotingen | |||
| of gefaseerde overnames van entiteiten | -463 | 1 042 | |
| Inflatie-aanpassingen | 758 | 1 574 | |
| Kasstroomafdekkingen | |||
| Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten | 3 889 | -7 896 | |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge | |||
| resultaatseffecten op afgedekte posities | -3 035 | 8 651 | |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | |||
| Wijzigingen in reële waarde van financiële activa beschikbaar voor | |||
| verkoop | 783 | 1 248 | |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge bijzondere | |||
| waardeverminderingen of afstotingen | -10 | 157 | |
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het | |||
| resultaat die later geherklasseerd kunnen worden naar de winst-en | |||
| verliesrekening | 6.6. | -2 201 | 1 066 |
| Andere elementen van het resultaat die later geherklasseerd kunnen | |||
| worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen | -85 921 | 97 668 | |
| Andere elementen van het resultaat die later niet geherklasseerd kunnen | |||
| worden naar de winst-en-verliesrekening | |||
| Herwaarderingen van de nettoverplichting m.b.t. | |||
| toegezegdpensioenregelingen | 21 734 | -28 418 | |
| Aandeel in niet-herklasseerbare andere elementen van het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen |
- | -219 | |
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het | |||
| resultaat die later niet geherklasseerd kunnen worden naar de winst-en | |||
| verliesrekening | 6.6. | 826 | 1 021 |
| Andere elementen van het resultaat die later niet geherklasseerd | |||
| kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen | 22 560 | -27 616 | |
| Andere elementen van het resultaat (opgenomen in het eigen vermogen) | |||
| -63 361 | 70 052 | ||
| VOLLEDIG PERIODERESULTAAT | -27 290 | 157 606 | |
| Toerekenbaar aan | |||
| de Groep | -23 472 | 141 948 | |
| 6.14. | -3 818 | 15 658 | |
| minderheidsbelangen van derden |
| Activa per 31 december | Toe | ||
|---|---|---|---|
| in duizend € | lichting | 2013 | 2014 |
| Vaste activa | 1 608 640 | 1 850 842 | |
| Immateriële activa | 6.1. | 71 043 | 98 087 |
| Goodwill | 6.2. | 16 369 | 18 483 |
| Materiële vaste activa | 6.3. | 1 239 058 | 1 432 803 |
| Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen | 6.4. | 155 838 | 155 734 |
| Overige vaste activa | 6.5. | 48 781 | 44 468 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 6.6. | 77 551 | 101 267 |
| Vlottende activa | 1 771 817 | 2 106 873 | |
| Voorraden | 6.7. | 539 265 | 640 807 |
| Ontvangen bankwissels | 6.7. | 110 218 | 114 118 |
| Handelsvorderingen | 6.7. | 583 215 | 707 569 |
| Overige vorderingen | 6.8. | 83 781 | 106 627 |
| Geldbeleggingen | 6.9. | 10 172 | 14 160 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 6.9. | 391 857 | 458 542 |
| Overige vlottende activa | 6.10. | 51 213 | 65 050 |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6.11. | 2 096 | - |
| Totaal | 3 380 457 | 3 957 715 |
| Passiva per 31 december | Toe | ||
|---|---|---|---|
| in duizend € | lichting | 2013 | 2014 |
| Eigen vermogen | 1 503 876 | 1 566 212 | |
| Kapitaal | 6.12. | 176 773 | 176 914 |
| Uitgiftepremies | 31 055 | 31 693 | |
| Overgedragen resultaten | 6.13. | 1 307 618 | 1 352 197 |
| Overige Groepsreserves | 6.13. | -169 170 | -194 013 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep | 1 346 276 | 1 366 791 | |
| Minderheidsbelangen | 6.14. | 157 600 | 199 421 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 904 966 | 1 204 581 | |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen | 6.15. | 136 602 | 175 774 |
| Overige voorzieningen | 6.16. | 40 510 | 55 744 |
| Rentedragende schulden | 6.17. | 688 244 | 910 074 |
| Overige verplichtingen op meer dan een jaar | 6.18. | 2 587 | 8 736 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 6.6. | 37 023 | 54 253 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 971 615 | 1 186 922 | |
| Rentedragende schulden | 6.17. | 321 907 | 441 552 |
| Handelsschulden | 6.7. | 338 864 | 390 943 |
| Personeelsbeloningen | 6.7. / 6.15. | 121 117 | 121 934 |
| Overige voorzieningen | 6.16. | 23 912 | 20 493 |
| Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen | 83 329 | 97 424 | |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | 6.19. | 82 486 | 114 576 |
| Verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd | |||
| als aangehouden voor verkoop | 6.11. | - | - |
| Totaal | 3 380 457 | 3 957 715 |
Overige Groepsreserves1
aandelen gebaseerde betalingen - - - 2 845 - 2 845 - 2 845 Uitgifte nieuwe aandelen 141 638 - - - 779 - 779 Transacties eigen aandelen - - - -72 102 - -72 102 - -72 102 Dividenden - - -49 650 - - -49 650 -53 224 -102 874 Saldo per 31 december 2014 176 914 31 693 1 352 197 -187 864 -6 149 1 366 791 199 421 1 566 212
1 Zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'.
2 Zie toelichting 6.14. 'Minderheidsbelangen'.
| lichting 2013 2014 in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december Bedrijfsactiviteiten Bedrijfsresultaat (EBIT) 5.1. / 5.2. 137 270 171 254 Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in het bedrijfsresultaat 7.1. 192 884 187 847 Investeringsposten verwerkt in het bedrijfsresultaat 7.1. 480 -8 057 Gebruikte bedragen van voorzieningen voor personeelsbeloningen en overige voorzieningen 7.1. -45 329 -44 452 Betaalde winstbelastingen 5.5. / 7.1. -51 507 -45 827 Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten 233 798 260 765 Wijzigingen in operationeel werkkapitaal 6.7. 78 491 -54 623 Overige bedrijfskasstromen 7.1. -6 526 -19 193 Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten 305 763 186 949 Investeringsactiviteiten Nieuwe bedrijfscombinaties 7.2. - -108 512 Andere verwervingen van deelnemingen - -1 973 Inkomsten uit verkoop van deelnemingen 6 668 3 103 Ontvangen dividenden 6.4. 13 705 20 724 Investeringen in immateriële activa 6.1. / 7.2. -2 176 -21 752 Investeringen in materiële vaste activa 6.3. -94 637 -132 784 Overige investeringskasstromen 7.1. 4 474 15 847 Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten -71 966 -225 347 Financieringsactiviteiten Ontvangen rente 5.3. 9 989 5 338 Betaalde rente 5.3. -75 291 -61 069 Betaalde brutodividenden aan aandeelhouders van NV Bekaert SA -49 596 -49 650 Betaalde brutodividenden aan minderheidsbelangen -8 745 -16 746 Inkomsten uit rentedragende schulden op meer dan een jaar 6.17. 80 036 343 960 Aflossing van rentedragende schulden op meer dan een jaar 6.17. -202 201 -191 172 Kasstromen m.b.t. rentedragende schulden op ten hoogste een jaar 6.17. -34 338 147 605 Transacties eigen aandelen 6.13. -15 275 -72 102 |
|---|
| Overige financieringskasstromen 7.1. 103 005 -18 219 |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten -192 416 87 945 |
| Toename of afname (-) in geldmiddelen en kasequivalenten 41 381 49 547 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - begin van de periode 352 312 391 857 |
| Effect van wisselkoersfluctuaties -1 836 17 138 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten - einde van de periode 391 857 458 542 |
NV Bekaert SA (de 'onderneming') is een onderneming die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de onderneming omvat de onderneming en haar dochterondernemingen (samen verder de 'Groep' of 'Bekaert' genoemd) en het belang van de Groep in joint ventures en geassocieerde ondernemingen gewaardeerd volgens de equity-methode. De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur van de onderneming vrijgegeven voor publicatie op 25 maart 2015.
De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie. Deze jaarrekening is ook in overeenstemming met de IFRS-standaarden zoals gepubliceerd door de IASB.
Volgende nieuwe interpretatie en herziene standaarden werden van kracht gedurende de huidige verslagperiode. De toepassing ervan had geen impact op de gerapporteerde bedragen in deze jaarrekening, maar kan een impact hebben op toekomstige transacties of overeenkomsten.
Aanpassingen aan IFRS 10, IFRS 12 en IAS 27 (ingangsdatum 1 januari 2014), die een investeringsentiteit definiëren en specifiëren dat een entiteit die beantwoordt aan de definitie van een investeringsentiteit haar dochterondernemingen niet moet consolideren maar opnemen tegen reële waarde via het resultaat.
Aanpassingen aan IAS 32 (ingangsdatum 1 januari 2014), die de vereisten om financiële activa en financiële verplichtingen te compenseren verduidelijken.
De Groep heeft niet geopteerd voor vervroegde toepassing van volgende nieuwe of gewijzigde standaarden, waarvan de toepassing een impact zou kunnen hebben:
kostprijs gewaardeerd. Andere schuldinstrumenten en alle eigenvermogensinstrumenten worden gewaardeerd tegen reële waarde. Met betrekking tot de waardering van financiële verplichtingen aangemerkt als tegen reële waarde via het resultaat, vereist IFRS 9 dat de wijziging in reële waarde van een financiële verplichting die toe te schrijven is aan wijzigingen in het kredietrisico van die verplichting gepresenteerd wordt in andere elementen van het resultaat, behalve indien deze behandeling een vertekening van het resultaat zou veroorzaken of vergroten. IFRS 9 wijzigt ook de vereisten inzake hedge accounting en voert het "verwachte verlies"-model in voor bijzondere waardevermindering op financiële activa.
toepassingsgebied voor joint ventures; IFRS 13 'Waardering tegen reële waarde', verduidelijking van het toepassingsgebied van portfoliouitzonderingen; en IAS 40 'Vastgoedbeleggingen', verduidelijking van de wisselwerking tussen IFRS 3 en IAS 40 wanneer vastgoed geclassificeerd wordt als vastgoedbelegging of vastgoed voor eigen gebruik.
presenteren van informatie zowel in de belangrijkste financiële staten als in de toelichtingen.
In dit stadium verwacht de Groep geen belangrijke impact op de jaarrekening van de eerste toepassing van de overige wijzigingen van standaarden en nieuwe interpretaties, zoals:
De geconsolideerde rekeningen worden voorgesteld in duizend euro, op basis van de historische kostprijsmethode, behalve voor deelnemingen aangehouden voor handelsdoeleinden en beschikbaar voor verkoop, die tegen reële waarde worden opgenomen. Financiële activa waarvoor geen prijsnotering voorhanden is in een actieve markt en waarvan de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan bepaald worden, worden tegen historische kostprijs gewaardeerd. Tenzij anders vermeld, werden de grondslagen voor financiële verslaggeving consistent met het vorig boekjaar toegepast.
Dochterondernemingen zijn entiteiten waarover NV Bekaert SA een beslissende invloed ('zeggenschap') uitoefent. Dit is het geval wanneer NV Bekaert SA blootgesteld is aan, of recht heeft op, variabele opbrengsten uit haar deelneming in de entiteit en de mogelijkheid heeft om deze opbrengsten te beïnvloeden door haar macht over de entiteit. De jaarrekeningen van dochterondernemingen worden in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap. Alle intragroepsverrichtingen, intragroepssaldi en nietgerealiseerde winsten op intragroepsverrichtingen worden geëlimineerd; niet-gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd tenzij het om permanente waardeverminderingen gaat. Het deel van het eigen vermogen en van het resultaat dat toewijsbaar is aan de minderheidsaandeelhouders wordt afzonderlijk vermeld in de balans, respectievelijk de winst-en-verliesrekening. Wijzigingen in het aandeelhouderschap van de Groep in dochterondernemingen waarbij de Groep de zeggenschap niet verliest, worden verwerkt als eigenvermogentransacties. Daarbij worden de nettoboekwaardes van de Groepsbelangen en van minderheidsbelangen aangepast aan de gewijzigde participatieverhoudingen in deze dochterondernemingen. Verschillen tussen de aanpassing van de minderheidsbelangen en de reële waarde van de betaalde of ontvangen overnamevergoeding worden rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen. Wanneer de Groep de zeggenschap in een dochteronderneming verliest, wordt de winst of het verlies op de afstoting bepaald als het verschil tussen:
Er is sprake van een gezamenlijke overeenkomst wanneer NV Bekaert SA contractueel overeengekomen is om de zeggenschap te delen met een of meerdere partijen, wat enkel het geval is wanneer beslissingen over de relevante activiteiten de unanieme goedkeuring vereisen van de partijen die gezamenlijke zeggenschap hebben. Een gezamenlijke overeenkomst kan behandeld worden als een gezamenlijke activiteit (wanneer NV Bekaert SA rechten heeft op de activa en verbintenissen voor de verplichtingen) of als een gezamenlijke entiteit / joint venture (wanneer NV Bekaert SA enkel recht heeft op het nettoactief). Geassocieerde ondernemingen zijn ondernemingen waarin NV Bekaert SA, rechtstreeks of onrechtstreeks, een invloed van betekenis heeft en die geen dochterondernemingen of gezamenlijke overeenkomsten zijn. Dit is verondersteld het geval te zijn indien de Groep tenminste 20% van de stemrechten verbonden met de aandelen bezit. De opgenomen financiële informatie met betrekking tot deze ondernemingen is opgesteld volgens de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep. Wanneer de Groep gezamenlijke zeggenschap in een joint venture verwerft of een invloed van betekenis in een geassocieerde onderneming verwerft, wordt het aandeel in de verworven activa, passiva en voorwaardelijke verplichtingen initieel geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum en verwerkt volgens de equity-methode. Indien de overnamevergoeding meer bedraagt dan de reële waarde van het verworven aandeel in de overgenomen activa, passiva en voorwaardelijke
verplichtingen wordt dit verschil als goodwill opgenomen. Is de aldus berekende goodwill negatief, dan wordt dit verschil onmiddellijk in het resultaat verwerkt. Daarna wordt het aandeel van de Groep in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen overeenkomstig de equity-methode in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen tot de dag dat er een einde komt aan de gezamenlijke zeggenschap of de invloed van betekenis. Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen van een joint venture of geassocieerde onderneming groter wordt dan de boekwaarde van de deelneming, wordt de boekwaarde op nul gezet en worden bijkomende verliezen enkel nog opgenomen in de mate dat de Groep bijkomende verplichtingen op zich genomen heeft. Nietgerealiseerde winsten uit transacties met joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden geëlimineerd ten belope van het belang van de Groep tegenover de deelneming in de joint venture of de geassocieerde onderneming. De nettoboekwaarde van deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen wordt opnieuw geëvalueerd indien er indicaties zijn van een bijzondere waardevermindering, of indicaties dat eerder opgenomen bijzondere waardeverminderingen niet langer gerechtvaardigd zijn. De deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen in de balans omvatten ook de boekwaarde van gerelateerde goodwill.
Elementen uit de jaarrekening van elk van de Groepsentiteiten worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit werkt (de 'functionele valuta'). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, de functionele valuta van de onderneming en tevens de presentatievaluta van de Groep. De jaarrekeningen van buitenlandse dochterondernemingen worden als volgt omgerekend:
Wisselkoersverschillen die ontstaan bij de omrekening van de netto-investering in buitenlandse dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen tegen de slotkoers worden in het eigen vermogen opgenomen onder 'Gecumuleerde omrekeningsverschillen'. Bij verkoop van buitenlandse entiteiten worden de betreffende gecumuleerde omrekeningsverschillen opgenomen in de winst-en-verliesrekening als deel
van de gerealiseerde meer- of minwaarde op de verkoop. In de jaarrekening van de moedervennootschap en haar dochterondernemingen worden alle monetaire activa en verplichtingen in vreemde valuta omgerekend tegen de wisselkoers op de balansdatum, wat aanleiding geeft tot nietgerealiseerde wisselresultaten. Alle gerealiseerde en niet-gerealiseerde koerswinsten en -verliezen worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen, behalve wanneer zij opgespaard worden in het eigen vermogen als in aanmerking komende kasstroomafdekkingen en afdekkingen van nettoinvesteringen. Goodwill wordt beschouwd als een actief van de overgenomen partij en wordt daarom verwerkt in de valuta van de overgenomen partij en omgerekend tegen de slotkoers.
Immateriële activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde; afzonderlijk verworven immateriële activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Na hun initiële opname worden immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs of reële waarde verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Immateriële activa worden lineair afgeschreven over hun naar best vermogen geschatte gebruiksduur. De afschrijvingsduur en -methode worden elk jaar opnieuw geëvalueerd bij afsluiting van het boekjaar. Een wijziging in de gebruiksduur van een immaterieel actief wordt prospectief verwerkt als een schattingswijziging. Volgens de bepalingen van IAS 38 kunnen immateriële activa een onbepaalde gebruiksduur hebben. Indien de gebruiksduur van een immaterieel actief niet kan worden bepaald, wordt er geen afschrijving opgenomen en wordt het actief minstens jaarlijks geëvalueerd met het oog op een bijzondere waardevermindering.
Uitgaven voor aangekochte licenties, patenten, handelsmerken en soortgelijke rechten worden geactiveerd en lineair afgeschreven over de contractuele looptijd, indien van toepassing, of over de geschatte gebruiksduur, die normaal ingeschat wordt op hoogstens 10 jaar.
Uitgaven met betrekking tot aankoop, ontwikkeling of onderhoud van computersoftware worden over het algemeen ten laste van het resultaat genomen op het ogenblik dat ze zich voordoen. Alleen externe uitgaven die rechtstreeks verband houden met de aankoop en implementatie van aangekochte ERP-software worden als immateriële activa opgenomen en lineair afgeschreven over 5 jaar.
Het gebruiksrecht van terreinen wordt opgenomen als immaterieel actief en lineair afgeschreven over de contractuele periode.
Uitgaven voor onderzoeksactiviteiten met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis of inzichten worden als kosten in de winst-en-verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen.
Uitgaven voor ontwikkelingsactiviteiten, waarbij onderzoeksresultaten toegepast worden in een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen voorafgaand aan commerciële productie of ingebruikname, worden alleen opgenomen in de balans als aan alle onderstaande voorwaarden is voldaan:
Geactiveerde ontwikkelingskosten worden lineair afgeschreven vanaf de start van de commerciële productie van het product over de verwachte duur van de gegenereerde voordelen. De afschrijvingsduur is normaliter hoogstens tien jaar. Een lopend onderzoeks- en ontwikkelingsproject verworven in een bedrijfscombinatie wordt afzonderlijk van goodwill geactiveerd als zijn reële waarde betrouwbaar kan gemeten worden.
Bij gebrek aan IASB-standaarden en -interpretaties betreffende de administratieve verwerking van CO2 emissierechten, heeft de Groep de 'nettobenadering' gebruikt. Deze methode houdt in dat:
Overige immateriële activa bevatten voornamelijk klantenlijsten en andere immateriële commerciële activa, zoals merknamen, die afzonderlijk of bij een bedrijfscombinatie verworven werden. Deze worden lineair afgeschreven over hun geschatte gebruiksduur.
Overnames van bedrijven worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overgedragen overnamevergoeding in een bedrijfscombinatie wordt gewaardeerd tegen reële waarde, die berekend wordt als de som van de reële waardes op de overnamedatum van de activa afgestaan door de Groep, de verplichtingen opgenomen door de Groep tegenover de vorige eigenaars van de overgenomen activiteit en de participaties afgestaan door de Groep in ruil voor de zeggenschap in de overgenomen partij. Uitgaven in verband met de overname worden opgenomen in het resultaat zodra ze zich voordoen.
De identificeerbare overgenomen activa en opgelopen verplichtingen worden opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum. Goodwill wordt bepaald als het verschil tussen:
(ii) het saldo van de identificeerbare overgenomen activa min de opgelopen verplichtingen op de overnamedatum. Indien dit verschil, na een grondige evaluatie, negatief blijkt ("negatieve goodwill"), dan wordt het onmiddellijk in het resultaat opgenomen als een opbrengst uit een voordelige aankoop.
Minderheidsbelangen worden initieel gewaardeerd ofwel tegen reële waarde ofwel tegen hun evenredig aandeel in de opgenomen waarde van de identificeerbare nettoactiva van de overgenomen partij. Deze waarderingskeuze kan transactie per transactie gemaakt worden. Wanneer de overnamevergoeding die de Groep verschuldigd is bij een bedrijfscombinatie voorwaardelijke vorderingen of verplichtingen omvat, wordt de voorwaardelijke vergoeding gewaardeerd tegen haar reële waarde op de overnamedatum en opgenomen in de overnamevergoeding voor de bedrijfscombinatie. Latere wijzigingen in reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding worden opgenomen in het resultaat.
Wanneer een bedrijfscombinatie in fasen tot stand komt, wordt het belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum (d.i. de datum waarop de Groep de zeggenschap verwerft), en wordt de eventuele opbrengst of last opgenomen in het resultaat. Bedragen met betrekking tot belangen in de overgenomen partij vóór de overnamedatum die voorheen rechtstreeks opgenomen werden in het eigen vermogen, worden overgedragen naar de winst-en-verliesrekening indien dat ook van
toepassing zou zijn bij afstoting van de betreffende belangen.
Bijzondere waardeverminderingen van goodwill
Voor het toetsen op bijzondere waardevermindering wordt goodwill toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden van de Groep waarvan verwacht wordt dat zij voordelen zullen halen uit de synergieën van de bedrijfscombinatie. Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen. Dit gebeurt ook tussentijds wanneer er aanwijzingen zijn dat de boekwaarde van de eenheid hoger zou kunnen zijn dan de realiseerbare waarde. Indien de realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid lager is dan haar boekwaarde, wordt de bijzondere waardevermindering eerst in mindering gebracht van de boekwaarde van de goodwill die aan de kasstroomgenererende eenheid werd toegewezen. Daarna wordt de bijzondere waardevermindering toegewezen aan de andere vaste activa die tot de eenheid behoren, evenredig met hun boekwaarde. Wanneer een bijzondere waardevermindering voor goodwill eenmaal is opgenomen, wordt deze in een latere periode niet teruggenomen.
De Groep heeft geopteerd voor het historischekostprijsmodel en niet voor het herwaarderingsmodel. Afzonderlijk verworven materiële vaste activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Materiële vaste activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen hun reële waarde, die vanaf dan geldt als hun kostprijs. Na hun initiële opname worden materiële vaste activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat alle directe kosten en uitgaven die opgelopen werden om het actief op de locatie en in de staat te brengen die noodzakelijk is om op de beoogde wijze te functioneren. Financieringskosten die direct toewijsbaar zijn aan de verwerving, bouw of productie van een in aanmerking komend actief worden geactiveerd als deel van de kost van dat actief. Materiële vaste activa worden lineair afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur, naargelang van hun categorie.
De gebruiksduur en de afschrijvingsmethode worden minstens op het einde van elk boekjaar opnieuw geëvalueerd. Tenzij herzien ten gevolge van specifieke wijzigingen in de verwachte gebruiksduur, worden volgende jaarlijkse afschrijvingspercentages toegepast:
| 0% | |
|---|---|
| 5% | |
| en uitrusting | 8%-25% |
| onderzoek en ontwikkeling | 16,7%-25% |
| 20% | |
| 25% | |
| - terreinen - gebouwen - installaties, machines - testapparatuur voor - meubilair en rollend materieel - computermaterieel |
Activa aangehouden via financiële lease worden afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur op dezelfde basis als activa in eigendom of – indien korter – over de relevante leaseperiode. Als de boekwaarde van een actief hoger is dan de geschatte realiseerbare waarde, wordt het onmiddellijk afgeschreven tot op de realiseerbare waarde (zie paragraaf over 'Bijzondere waardevermindering van activa'). Meer- en minwaarden bij de realisatie van vaste activa worden opgenomen in het bedrijfsresultaat.
Lease-overeenkomsten die aan de Groep vrijwel alle aan de eigendom van een actief verbonden risico's en voordelen overdragen, worden geclassificeerd als financiële lease. Materiële vaste activa verworven via een financiële lease worden in de balans opgenomen tegen hun reële waarde bij de aanvang van de lease-overeenkomst, of – indien deze lager is – tegen de contante waarde van de minimale leasebetalingen op het tijdstip van het aangaan van de lease-overeenkomst, verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De disconteringsvoet die gebruikt wordt bij de berekening van de contante waarde van de minimale leasebetalingen is de impliciete rentevoet van de lease-overeenkomst. Als deze niet kan achterhaald worden, wordt de marginale rentevoet van de onderneming gebruikt. Initiële directe kosten worden mee geactiveerd. Leasebetalingen worden opgesplitst in rentelasten en aflossingen van de uitstaande verplichting. Gedurende de leaseperiode worden de rentelasten aan elke periode toegerekend op een manier die resulteert in een constante periodieke rentevoet op het resterende saldo van de verplichting voor elke periode. Een financiële lease-overeenkomst geeft aanleiding tot zowel een afschrijvingslast voor het actief als een rentelast in elke periode. De afschrijvingsregels voor geleasede activa zijn consistent met deze voor activa in eigendom.
Lease-overeenkomsten waarbij alle wezenlijke risico's en voordelen inherent aan de eigendom bij de leasinggever berusten worden als operationele lease-overeenkomsten geclassificeerd. Bij een operationele lease worden de leasebetalingen als kosten opgenomen en lineair gespreid over de leaseperiode. De totale waarde van de kortingen of voordelen toegestaan door de leasinggever wordt in mindering gebracht van de leasekosten en lineair gespreid over de leaseperiode. Inrichtingskosten van gebouwen onder operationele lease worden afgeschreven over de geschatte gebruiksduur of – indien korter – over de relevante leaseperiode.
Investeringssubsidies met betrekking tot de aankoop van materiële vaste activa worden in mindering gebracht van de kostprijs van deze activa. Zij worden in de balans opgenomen tegen hun verwachte waarde op het ogenblik van de initiële goedkeuring en – indien nodig – achteraf gecorrigeerd bij de definitieve toekenning. De subsidie wordt afgeschreven over dezelfde periode als de materiële vaste activa waarvoor de subsidie werd verkregen.
De Groep classificeert zijn financiële activa in volgende categorieën: tegen reële waarde via het resultaat, leningen en vorderingen en beschikbaar voor verkoop. De classificatie hangt af van de bedoeling waarmee de financiële activa werden aangeschaft. Het management legt de classificatie van financiële activa vast bij hun initiële opname.
Financiële activa worden geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat als ze aangehouden worden voor handelsdoeleinden. Financiële activa tegen RWVR worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende baten of lasten in het resultaat opgenomen worden. Een financieel actief wordt in deze categorie ondergebracht als het voornamelijk aangeschaft werd om het op korte termijn te verkopen. Derivaten behoren ook tot de categorie tegen RWVR, tenzij ze aangemerkt werden en effectief zijn als afdekking.
Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële instrumenten met vaste of bepaalbare betalingen die niet genoteerd worden in een actieve markt. Tot de categorie leningen en vorderingen van de Groep behoren – tenzij anders vermeld – volgende balanselementen: handelsvorderingen en overige vorderingen, ontvangen bankwissels, geldbeleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten. Leningen en vorderingen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode, na aftrek van bijzondere waardeverminderingen.
Betaling door middel van bankwissels is een wijdverbreide praktijk in China. Ontvangen bankwissels worden ofwel geïnd op de vervaldag, ofwel verdisconteerd voor de vervaldag, ofwel doorgegeven aan een leverancier als betaling van een schuld. Verdisconteren gebeurt ofwel met, ofwel zonder verhaal. Met verhaal betekent dat de verdisconterende bank terugbetaling kan eisen indien de uitgever zijn verplichting niet nakomt. Wanneer een bankwissel verdisconteerd wordt met verhaal, wordt het ontvangen bedrag niet afgeboekt van de uitstaande ontvangen bankwissels, maar wordt een verplichting opgezet onder 'rentedragende schulden op ten hoogste een jaar' tot de vervaldag van de wissel.
Kasequivalenten en geldbeleggingen zijn kortlopende beleggingen die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen waarvan het bedrag gekend is. Zij houden geen significant risico op waardeverandering in. Kasequivalenten zijn in hoge mate liquide en hebben een oorspronkelijke looptijd van hoogstens drie maanden, terwijl geldbeleggingen een oorspronkelijke looptijd van meer dan drie maanden en ten hoogste een jaar hebben.
Vaste activa beschikbaar voor verkoop omvatten deelnemingen in entiteiten die niet in de eerste plaats aangeschaft werden om ze op korte termijn te verkopen, en die noch integraal, noch volgens de equity-methode geconsolideerd worden. Activa in deze categorie worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende baten en lasten rechtstreeks in het eigen vermogen worden opgenomen. Bij een bijzondere waardevermindering wordt het gecumuleerd verlies overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening. Zij worden echter tegen kostprijs gewaardeerd als er geen prijsnotering in een actieve markt voorhanden is en als hun reële waarde niet op een betrouwbare manier bepaald kan worden met behulp van alternatieve waarderingsmethoden.
Financiële activa, behalve deze tegen RWVR, worden getoetst op bijzondere waardevermindering wanneer er hiervoor objectieve aanwijzingen zijn. Een aanzienlijke of langdurige daling van de reële waarde van een belegging in een eigenvermogensinstrument beneden de kostprijs vormt een objectieve aanwijzing voor een bijzondere waardevermindering. De Groep beschouwt elke daling van meer dan 30% beneden de kostprijs als aanzienlijk en elke daling die langer dan een jaar aanhoudt als langdurig. Wanneer een daling in reële waarde van een financieel actief beschikbaar voor verkoop in andere elementen van het resultaat werd opgenomen en er objectieve aanwijzingen zijn van bijzondere waardevermindering van het actief, wordt het gecumuleerd verlies dat opgenomen werd in andere elementen van het resultaat geherclassificeerd van eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening als een bijzondere waardevermindering. Voor handelsvorderingen en ontvangen bankwissels worden oninbaar geachte bedragen op elke balansdatum afgeschreven tegenover de betreffende provisierekening. Zowel toevoegingen aan deze provisierekening als terugnames worden gerapporteerd onder 'commerciële kosten' in de winst-en-verliesrekening.
Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen opbrengstwaarde indien deze lager is. De kostprijs wordt bepaald volgens de FIFO-methode (first-in, first-out). Van geproduceerde voorraden omvat de kostprijs alle directe en indirecte productiekosten die nodig zijn om de goederen tot hun afwerkingsstadium op balansdatum te brengen. De opbrengstwaarde staat gelijk met de geschatte verkoopprijs in normale marktomstandigheden, verminderd met de kosten die nodig zijn voor afwerking en verkoop.
Bij inkoop van eigen aandelen wordt de aanschaffingsprijs, samen met de direct toewijsbare transactiekosten, opgenomen als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden in de balans gerapporteerd als een vermindering van het eigen vermogen. Bij annulering of verkoop van eigen aandelen wordt het transactieresultaat opgenomen in de overgedragen resultaten.
De minderheidsbelangen vertegenwoordigen het aandeel van de minderheidsaandeelhouders in het eigen vermogen van dochterondernemingen waarin de Groep niet de volle 100% bezit. Minderheidsbelangen worden op de overnamedatum gewaardeerd ofwel tegen hun reële waarde ofwel tegen het evenredig belang van de minderheidsaandeelhouders in de reële waarde van de opgenomen nettoactiva bij verwerving van een dochteronderneming (bedrijfscombinatie). Nadien wordt hun waarde aangepast voor hun evenredig deel in latere winsten of verliezen. De verliezen die toewijsbaar zijn aan minderheidsaandeelhouders in een geconsolideerde dochteronderneming kunnen groter zijn dan hun aandeel in het eigen vermogen van de dochteronderneming. Een evenredig deel van het volledig perioderesultaat wordt toegewezen aan de minderheidsbelangen, ook al wordt het saldo van de minderheidsbelangen daardoor negatief.
Voorzieningen worden opgenomen in de balans indien de Groep op balansdatum een wettelijke of feitelijke verplichting heeft als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, waarvoor het waarschijnlijk nodig zal zijn middelen te besteden die economische voordelen inhouden die op een betrouwbare manier geschat kunnen worden. Elke voorziening is gebaseerd op de beste schatting van de uitgave die nodig is om aan de bestaande verplichting te voldoen op de balansdatum. Indien aangewezen, worden voorzieningen verdisconteerd.
Een voorziening voor herstructurering wordt enkel opgenomen wanneer de Groep een gedetailleerd en formeel herstructureringsplan heeft goedgekeurd en de herstructurering ofwel werd aangevat, ofwel publiekelijk werd aangekondigd vóór balansdatum. Voorzieningen voor herstructurering omvatten enkel uitgaven die een rechtstreeks gevolg zijn van de herstructurering en geen verband houden met het voortzetten van de activiteiten van de entiteit.
Voorzieningen voor bodemsanering met betrekking tot vervuilde terreinen worden opgenomen overeenkomstig het door de Groep gepubliceerde milieubeleid en de vigerende wettelijke bepalingen.
De moedervennootschap en verschillende van haar dochterondernemingen voorzien in pensioen-, overlijdens- en gezondheidszorgregelingen ten gunste van een belangrijk deel van hun werknemers.
De meeste regelingen zijn van het type 'toegezegdpensioen', en de voordelen zijn afhankelijk van het aantal jaren dienst en het verloningsniveau. Bij toegezegdpensioenregelingen komt het in de balans opgenomen bedrag (de nettoverplichting of vordering) overeen met de contante waarde van de brutoverplichting, verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De contante waarde van de brutoverplichting van een toegezegdpensioenregeling is de contante waarde, vóór aftrek van de fondsbeleggingen, van de verwachte toekomstige betalingen die vereist zijn om de verplichting af te wikkelen die resulteert uit het dienstverband van de werknemer in de lopende periode en in voorgaande perioden. Voor toegezegdpensioenregelingen worden de contante waarde van de brutoverplichting en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten en eventuele pensioenkosten van verstreken diensttijd berekend volgens de projected unit credit-methode. De disconteringsvoet komt overeen met het rendement op balansdatum op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een resterende looptijd die vergelijkbaar is met deze van de verplichtingen van de Groep. Wanneer de reële waarde van de fondsbeleggingen groter is dan de contante waarde van de brutoverplichting, wordt de op te nemen nettovordering begrensd tot een maximumbedrag (de asset ceiling). Het maximumbedrag komt overeen met de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen of verminderingen van toekomstige bijdragen tot de regeling. De nettorente op de nettoverplichting / nettovordering is gebaseerd op dezelfde disconteringsvoet. Actuariële winsten en verliezen omvatten ervaringsaanpassingen (de gevolgen van verschillen tussen de voorgaande actuariële veronderstellingen en wat zich werkelijk voorgedaan heeft) en de gevolgen van wijzigingen in actuariële veronderstellingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd vertegenwoordigen de wijziging in de contante waarde van de brutoverplichting voor
prestaties die in voorgaande perioden door werknemers zijn verricht, en die in de lopende periode resulteren uit planwijzigingen of inperkingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk opgenomen via het resultaat. Herwaarderingen van de nettoverplichting (vordering) omvatten (a) actuariële winsten en verliezen, (b) het rendement op de fondsbeleggingen, na aftrek van de bedragen die opgenomen werden in de nettorente op de nettoverplichting (vordering) en (c) wijzigingen in het effect van de asset ceiling, na aftrek van bedragen die al vervat zitten in de nettorente op de nettoverplichting (vordering). Herwaarderingen worden onmiddellijk opgenomen via het eigen vermogen. Een afwikkeling is een transactie die alle verdere wettelijke of feitelijke verplichtingen wegneemt voor alle voordelen of een gedeelte van de voordelen voorzien door de toegezegdpensioenregeling, voor zover het niet gaat om een uitkering van voordelen aan, of in
naam van, werknemers die beschreven is in de beschikkingen van de regeling en vervat zit in de actuariële veronderstellingen. In de winst-enverliesrekening worden de pensioenkosten zowel van het dienstjaar als van verstreken diensttijd, met inbegrip van winsten of verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT), terwijl de nettorente op de nettoverplichting (vordering) in de rentelasten wordt opgenomen, als rentegedeelte van rentedragende voorzieningen. Brugpensioenregelingen in België en gezondheidszorgregelingen in de Verenigde Staten worden ook
verwerkt als toegezegdpensioenregelingen.
Verplichtingen aangaande bijdragen tot toegezegdebijdragenregelingen worden ten laste van de winst-en-verliesrekening genomen op het ogenblik dat zij ontstaan. In België legt de Belgische pensioenwetgeving een minimumrendement op. Daarom zijn deze plannen te beschouwen als toegezegdpensioenregelingen. De IASB erkent dat de verwerking van dergelijke zogenaamde 'op bijdragen gebaseerde' plannen volgens de huidige toepasbare methodologie voor toegezegdpensioenregelingen problematisch is. Gelet op de onzekerheid omtrent de toekomstige evolutie van dit gegarandeerd minimumrendement in België, heeft de onderneming de retrospectieve aanpak toegepast waarbij de nettoverplichtingen zijn gebaseerd op de som van de positieve verschillen, bepaald per individuele deelnemer, tussen de gegarandeerde minimumreserve en de gecumuleerde bijdragen gebaseerd op de actuele rendementen op balansdatum (de nettoverplichting, in voorkomend geval, is gebaseerd op de intrinsieke waarde van het tekort).
Andere langetermijnpersoneelsbeloningen zoals jubileumpremies worden verwerkt volgens de projected unit credit-methode. De boekhoudkundige verwerking verschilt echter met die van de vergoedingen na uitdiensttreding, omdat actuariële winsten en verliezen onmiddellijk opgenomen worden via het resultaat.
De Groep kent op aandelen gebaseerde, in eigenvermogensinstrumenten en in geldmiddelen afgewikkelde betalingen toe aan bepaalde werknemers. De aandelenoptieplannen die werknemers van de Groep het recht toekennen om aandelen aan te kopen van NV Bekaert SA zijn van het type 'in eigenvermogensinstrumenten afgewikkeld'.
Share appreciation rights zijn van het type 'in geldmiddelen afgewikkeld', omdat ze aan de werknemers van de Groep een bonus in geldmiddelen toekennen waarvan het bedrag afhankelijk is van de koers van het Bekaertaandeel op de Euronextbeurs.
In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum (zonder rekening te houden met het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden). De reële waarde op de toekenningsdatum van in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen wordt ten laste genomen van het resultaat met daartegenover een toename van het eigen vermogen. De reële waarde wordt lineair afgeschreven over de wachtperiode tot de definitieve toezegging, gebaseerd op het geschatte aantal aandelenopties dat uiteindelijk zal toegezegd worden, en aangepast voor het effect van nietmarktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden.
In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen als verplichtingen tegen hun reële waarde, die op elke balansdatum en op de datum van afwikkeling herbepaald wordt. Wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De Groep gebruikt een binomiaal model om de reële waarde van op aandelen gebaseerde betalingen te bepalen.
Rentedragende schulden omvatten financiële verplichtingen en leningen die initieel opgenomen worden tegen de reële waarde van de ontvangen geldmiddelen, na aftrek van transactiekosten. Later worden ze aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode. Verschillen tussen het ontvangen bedrag (na aftrek van transactiekosten) en het terug te betalen bedrag op de vervaldatum worden in de winst-enverliesrekening opgenomen tijdens de duur van de verplichting. Indien financiële verplichtingen afgedekt zijn met behulp van derivaten die als reëlewaardeafdekking worden aangemerkt, worden de afdekkingsinstrumenten gewaardeerd tegen reële waarde en wordt de waardering van de afgedekte posities aangepast voor reëlewaardewijzigingen ten gevolge van het afgedekte risico (zie grondslagen voor financiële verslaggeving over derivaten en afdekking).
Handelsschulden en overige vlottende verplichtingen – met uitzondering van derivaten – worden gewaardeerd tegen kostprijs, die overeenkomt met de reële waarde van de te betalen vergoeding.
Winstbelastingen worden ingedeeld in actuele en uitgestelde belastingen. Actuele belastingen omvatten de verwachte, over de verslagperiode verschuldigde belastingen en aanpassingen aan de belastingen van vorige jaren. Uitgestelde belastingen worden volgens de balansmethode berekend op tijdelijke verschillen tussen enerzijds de belastingbasis van activa en verplichtingen en anderzijds hun nettoboekwaarde. De voornaamste tijdelijke verschillen hebben betrekking op afschrijvingen van materiële vaste activa, voorzieningen met betrekking tot pensioenen, brugpensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding, niet-uitgekeerde winsten en overgedragen aftrekbare verliezen. Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn op de belastbare winst in de periode waarin de tijdelijke verschillen gerealiseerd of afgerekend zullen worden, op basis van de belastingtarieven die wettelijk vastliggen of zo goed als vastgelegd zijn op de balansdatum. Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen in de mate dat het waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst zal gerealiseerd worden waartegen de tijdelijke verschillen afgezet kunnen worden; dit criterium wordt op elke balansdatum opnieuw geëvalueerd. Uitgestelde belastingen worden ook berekend voor tijdelijke verschillen op deelnemingen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, behalve in het geval dat de Groep kan beslissen over het tijdstip waarop het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt en het onwaarschijnlijk is dat het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt in de nabije toekomst.
De Groep gebruikt derivaten om valuta- en renterisico's af te dekken die voortvloeien uit bedrijfs-, financierings- en investeringsactiviteiten. Het nettorisico van alle dochterondernemingen van de Groep wordt centraal beheerd door de Groepsdienst Thesaurie in overeenstemming met de doelstellingen en regels die door het management vastgelegd werden. Het is de politiek van de Groep om geen speculatieve transacties of transacties met een hefboomeffect aan te gaan.
Derivaten worden initieel opgenomen en ook nadien gewaardeerd tegen reële waarde. De reële waarde van verhandelde derivaten is hun marktwaarde. Indien er geen marktwaarde beschikbaar is, wordt de reële waarde berekend op basis van gekende financiële waarderingsmodellen, gebaseerd op relevante marktkoersen op de balansdatum.
De Groep past hedge accounting toe in overeenstemming met IAS 39 om de volatiliteit in de winsten-verliesrekening te beperken. Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico wordt een onderscheid gemaakt tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten.
Reëlewaardeafdekkingen zijn afdekkingen van het risico van veranderingen in de reële waarde van opgenomen activa en verplichtingen. De derivaten die aangemerkt werden als reëlewaardeafdekkingen worden gewaardeerd tegen reële waarde, en de waardering van hun afgedekte posities (activa of verplichtingen) wordt aangepast voor wijzigingen in reële waarde ten gevolge van het afgedekte risico. De overeenkomstige veranderingen in reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening. Wanneer een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting stopgezet en wordt de aanpassing aan de boekwaarde van het afgedekte rentedragende financieel instrument gradueel opgenomen in de winst-en-verliesrekening tot op de vervaldag van de afgedekte positie.
Kasstroomafdekkingen zijn afdekkingen van de variabiliteit van toekomstige kasstromen die verband houden met opgenomen activa of verplichtingen, zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transacties, of het valutarisico op nietopgenomen vaststaande toezeggingen. Veranderingen in de reële waarde van een afdekkingsinstrument dat voldoet als zeer effectieve kasstroomafdekking worden in het eigen vermogen opgenomen, meer bepaald in de afdekkingsreserve. Het niet-effectieve deel ervan wordt onmiddellijk in de winst-en-verliesrekening opgenomen. Ingeval de afgedekte kasstroom resulteert in de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting, worden de voorheen in het eigen vermogen opgenomen gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt uit het eigen vermogen en opgenomen in de initiële waardering van de kostprijs of de boekwaarde van het actief of de verplichting. Bij alle andere kasstroomafdekkingen worden de gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt van de afdekkingsreserve naar de winst-en-verliesrekening op het ogenblik dat de afgedekte vaststaande toezegging of de voorziene transactie resulteert in het opnemen van een winst of een verlies. Zodra een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting prospectief stopgezet. In dit geval blijven de gecumuleerde winsten en verliezen op het afdekkingsinstrument opgespaard in het eigen vermogen tot de toegezegde of voorziene transactie zich voordoet. Wanneer verwacht wordt dat een voorziene transactie zich niet meer zal voordoen, worden de gecumuleerde winsten en verliezen overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening.
Indien een netto-investering in een buitenlandse entiteit wordt afgedekt, worden alle winsten en verliezen met betrekking tot het effectieve deel van het afdekkingsinstrument, samen met de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van de afgedekte investering, onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen. Winsten en verliezen op het
Bekaert Jaarverslag 2014 Financieel Overzicht 19
niet-effectieve deel worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De gecumuleerde winsten en verliezen als gevolg van de herwaardering van het afdekkingsinstrument die voorheen werden opgenomen in het eigen vermogen en de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van het afgedekte instrument worden enkel opgenomen in de winst-enverliesrekening bij afstoting van de investering.
Om te voldoen aan de vereisten in IAS 39 met het oog op de toepassing van hedge accounting, documenteert de Groep – bij het aangaan van de afdekking – de strategie en het doel van de afdekking, de relatie tussen het financieel instrument dat wordt gebruikt als afdekking en de afgedekte positie, en de verwachte (prospectieve) effectiviteit. De effectiviteit van bestaande afdekkingen wordt elk kwartaal opnieuw beoordeeld. Voor niet-effectieve afdekkingen wordt de hedge accounting onmiddellijk stopgezet.
De Groep maakt ook gebruik van derivaten die niet voldoen aan de voorwaarden voor hedge accounting in IAS 39, maar als effectieve economische afdekkingen fungeren volgens het risicobeheer van de Groep. Wijzigingen in de reële waarde van dergelijke derivaten worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening.
Goodwill, immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, worden minstens jaarlijks getoetst op bijzondere waardevermindering. Andere materiële en immateriële vaste activa worden getoetst op bijzondere waardevermindering zodra bepaalde gebeurtenissen of gewijzigde omstandigheden erop wijzen dat hun boekwaarde misschien niet meer kan gerealiseerd worden. Een bijzondere waardevermindering wordt opgenomen in de winsten-verliesrekening wanneer en in de mate dat de boekwaarde van een actief hoger is dan zijn realiseerbare waarde (zijnde het hoogste van de reële waarde min verkoopkosten en de bedrijfswaarde). De reële waarde min verkoopkosten is de te verwachten opbrengst uit een niet-gedwongen verkoop van een actief tussen goed geïnformeerde, onafhankelijke partijen, verminderd met de verkoopkosten. De bedrijfswaarde is de contante waarde van de verwachte kasstromen uit het gebruik van een actief. Realiseerbare waarden worden geraamd voor individuele activa, of – indien dit niet mogelijk is – voor de kleinste kasstroomgenererende eenheid waartoe de activa behoren. Bijzondere waardeverminderingen opgenomen in vroegere boekjaren worden teruggenomen via de winst-en-verliesrekening wanneer er een aanwijzing is dat de vroeger opgenomen bijzondere waardeverminderingen weggevallen of gedaald zijn. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill worden echter nooit teruggenomen.
Opbrengsten worden opgenomen als het waarschijnlijk is dat de economische voordelen met betrekking tot een transactie naar de entiteit zullen vloeien en als het bedrag van de opbrengsten op een betrouwbare manier gemeten kan worden. Omzet wordt opgenomen na aftrek van omzetbelastingen en kortingen. Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden opgenomen als de levering en ook de volledige overdracht van risico's en voordelen plaatsgevonden heeft. Opbrengsten uit hoofde van onderhanden projecten in opdracht van derden worden opgenomen in verhouding tot het stadium van afwerking als ze op een betrouwbare manier gemeten kunnen worden. Wanneer het resultaat van een onderhanden project in opdracht van derden niet op een betrouwbare manier geschat kan worden, worden enkel opbrengsten opgenomen ten belope van de kosten die waarschijnlijk gerecupereerd zullen worden. In de periode dat het vast komt te staan dat er een verlies zal ontstaan uit de afwerking van het contract, wordt het volledige bedrag van het geraamde finale verlies ten laste van de winst-enverliesrekening genomen. Er worden geen opbrengsten opgenomen in verband met ruiltransacties indien het gaat om een uitwisseling van gelijkaardige goederen of diensten. Rente wordt opgenomen op een tijdsbasis die het effectieve rendement op het actief weerspiegelt. Royalty's worden opgenomen op basis van het toerekeningsprincipe volgens de bepalingen van de overeenkomst. Dividenden worden opgenomen op het ogenblik dat het recht van de aandeelhouder op ontvangst vastgelegd is.
Bedrijfsopbrengsten en -kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afstoting van activiteiten, milieuvoorzieningen of andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben, worden gerapporteerd in de winsten-verliesrekening als eenmalige opbrengsten en kosten. Herstructureringsprogramma's omvatten voornamelijk ontslagvergoedingen, winsten en verliezen op verkoop en bijzondere waardeverminderingen van activa die betrokken zijn in een sluiting, belangrijke reorganisatie of delocatie van operaties. Indien niet verbonden met herstructureringsprogramma's, worden bijzondere waardeverminderingen enkel bestempeld als eenmalige kosten als zij het gevolg zijn van toetsen op kasstroomgenererende eenheden of van transfers binnen de Groep. Als eenmalige opbrengsten en kosten met betrekking tot bedrijfscombinaties gelden: negatieve goodwill, winsten en verliezen bij gefaseerde overname, en overboekingen van gecumuleerde omrekeningsverschillen op het belang dat voorheen aangehouden werd. Eenmalige opbrengsten en kosten
met betrekking tot afgestoten activiteiten zijn winsten en verliezen op de afstoting van activiteiten die niet als beëindigde bedrijfsactiviteiten in aanmerking komen. Deze afgestoten activiteiten kunnen bestaan uit volledige, of onderdelen (groepen activa) van, dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Naast milieuprovisies bestaan de overige gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben voornamelijk uit rampen, verkopen van vastgoed en belangrijke rechtszaken. Bekaert is van mening dat de afzonderlijke presentatie van eenmalige opbrengsten en kosten essentieel is voor de lezers van de jaarrekening die vergelijkbare cijfers wensen te analyseren.
Het overzicht van het volledig perioderesultaat presenteert een overzicht van alle opbrengsten en kosten die opgenomen werden hetzij in de winst-enverliesrekening hetzij in het eigen vermogen. Volgens IAS 1 'Presentatie van de jaarrekening' kan een entiteit kiezen voor ofwel één enkel overzicht van het volledig perioderesultaat ofwel twee overzichten, namelijk een winst-en-verliesrekening onmiddellijk gevolgd door een overzicht van het volledig perioderesultaat. De Groep heeft voor de tweede mogelijkheid geopteerd. Als gevolg van de presentatie van een overzicht van het volledig perioderesultaat beperkt de inhoud van het mutatieoverzicht van het eigen vermogen zich tot wijzigingen die verband houden met het aandeelhouderschap.
Een vast actief, of een groep activa die wordt afgestoten, wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer de boekwaarde hoofdzakelijk gerealiseerd zal worden via een verkooptransactie eerder dan door het te blijven gebruiken. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop heel waarschijnlijk geacht wordt en als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) klaar is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat. Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van een entiteit die ofwel afgestoten is ofwel geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt en zowel operationeel als voor de financiële verslaggeving onderscheiden kan worden van de rest van de entiteit.
Er kan pas sprake zijn van een zeer waarschijnlijke verkoop als de entiteit zich verbonden heeft tot een plan voor de verkoop van het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) en als een operationeel plan opgestart is om een koper te vinden en het plan tot een goed einde te brengen. Bovendien moet de verkoop van het actief (of van de groep activa die wordt afgestoten) actief gepromoot worden tegen een redelijke prijs in verhouding tot zijn huidige reële waarde en dient de verkoopovereenkomst naar verwachting afgesloten te worden binnen het jaar na de classificatiedatum. Activa die geclassificeerd zijn als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen reële waarde na aftrek van verkoopkosten als deze lager is dan de boekwaarde. Een eventueel overschot van de boekwaarde tegenover de reële waarde na aftrek van verkoopkosten wordt afgeboekt als een bijzondere waardevermindering. Zodra activa geclassificeerd worden als aangehouden voor verkoop worden ze niet langer afgeschreven. Vergelijkende balansinformatie voor voorgaande perioden wordt niet herwerkt om de nieuwe classificatie in de balans te weerspiegelen.
Voorwaardelijke activa worden niet opgenomen in de balans, maar worden opgenomen in de toelichtingen wanneer een instroom van economische voordelen waarschijnlijk is. Tenzij zij uit een bedrijfscombinatie ontstaan zijn, worden voorwaardelijke verplichtingen niet opgenomen in de balans maar vermeld in de toelichtingen, tenzij de kans op een verlies gering is.
Gebeurtenissen na balansdatum die bijkomende informatie verschaffen omtrent de situatie van de onderneming op balansdatum (adjusting events) worden verwerkt in de jaarrekening. Andere gebeurtenissen na balansdatum (non-adjusting events) worden enkel vermeld in de toelichtingen als ze belangrijk geacht worden.
Bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep is het management genoodzaakt om beoordelingen, schattingen en veronderstellingen over de boekwaarde van activa en verplichtingen te maken die niet onmiddellijk beschikbaar zijn uit enigerlei bronnen. Deze beoordelingen, schattingen en veronderstellingen worden voortdurend opnieuw geëvalueerd.
Hierna volgen de cruciale beoordelingen, met uitzondering van deze die bestaan uit schattingen (zie toelichting 3.2.) die een belangrijke invloed hebben op de gerapporteerde bedragen in deze geconsolideerde jaarrekening.
inflatieboekhouding, acht het management dit de beste keuze om een realistisch beeld van de bijdrage van de Venezolaanse operaties tot de geconsolideerde jaarrekening weer te geven. Wegens de steeds toenemende complexiteit van de wisselkoersregulering in Venezuela gebruikt Vicson SA vier wisselkoersen om haar transacties in vreemde valuta te verwerken, afhankelijk van het wisselkoerssysteem waaronder USdollaraanvragen werden ingediend of verwacht worden te worden afgewikkeld: (1) de officiële CADIVI- of CENCOEX-koers (6.3 VEF/USD), (2) de SICAD I koers (11.3 VEF/USD op jaareinde 2014), (3) de SICAD II-koers (50 VEF/USD op jaareinde 2014) en (4) de economische wisselkoers (89 VEF/USD op jaareinde 2014) voor alle andere transacties. Ondanks de politieke en monetaire instabiliteit oordeelde het management dat er geen reden is om zijn Venezolaanse entiteiten te deconsolideren. Per jaareinde 2014 bedroegen de gecumuleerde omrekeningsverschillen € -38,3 miljoen die, bij verlies van de zeggenschap, zouden overgeboekt worden naar de winst-en-verliesrekening.
jaarrekening.
Hierna volgt een overzicht van de belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en de belangrijkste andere bronnen van schattingsonzekerheden op het einde van de verslagperiode die een risico inhouden op beduidende aanpassingen aan de boekwaarden van activa en verplichtingen in de komende verslagperiode.
Op basis van de verwachte economische levensduur van welbepaalde productlijnen die verwacht wordt beduidend lager te zijn dan het gemiddelde, worden hogere afschrijvingspercentages toegepast voor specifieke activa waarvan niet verwacht wordt dat deze toegewezen zullen worden aan een andere productlijn. Bijgevolg worden voor bepaalde installaties, machines en uitrusting afschrijvingspercentages toegepast gaande van 10% tot 25% in plaats van 8%. Testapparatuur voor onderzoek en ontwikkeling gericht op specifieke productlijnen wordt ook afgeschreven tegen 25% per jaar, terwijl alle andere testapparatuur voor onderzoek en ontwikkeling tegen 16,7% per jaar afgeschreven wordt.
Kredietrisico met betrekking tot klanten: het management volgt de uitstaande handelsvorderingen van dichtbij op, rekening houdend met de inningsachterstand, de betalingshistoriek en de afdekkingsgraad van kredietrisico's. Specifieke en algemene provisies voor dubieuze debiteuren worden opgenomen op basis van beste schattingen door het management op de balansdatum (zie toelichting 6.7. 'Operationeel werkkapitaal').
gebaseerd op schattingen en waarderingsmodellen van derden, bijvoorbeeld voor voorwaardelijke verplichtingen en immateriële activa die niet in de balans van de overgenomen partij opgenomen waren. Vaak worden interne maatstaven gebruikt voor het waarderen van specifieke productie-uitrusting. Bij elk van deze waarderingsmethoden worden assumpties gebruikt zoals verwachte toekomstige kasstromen, resterende gebruiksduur enz.
De Groep maakt gebruik van een geografische segmentatie, aangezien dit de beste voorstelling is om de betrokkenen de aard en het financiële profiel van de activiteiten te laten evalueren en begrijpen op een transparante manier. De segmentatie reflecteert het belang van de regio's overeenkomstig de globale groeistrategie van de onderneming.
De regionale activiteiten van de onderneming worden typisch gekenmerkt door gemeenschappelijke cost drivers, een productassortiment dat gericht is op de behoeften van de regionale industrie en specifieke distributiekanalen. Zij onderscheiden zich duidelijk van elkaar op het vlak van politieke, economische en valutarisico's, in termen van geografische markttrends en groeipatronen. Deze segmentatie wint nog aan relevantie doordat de onderneming de overgrote meerderheid van haar producten verkoopt binnen de regio waar zij geproduceerd worden. In overeenstemming met IFRS 8 werden vier segmenten gedefinieerd die de aanwezigheid van de onderneming in de vier voornaamste regio's weerspiegelen:
Enkel de elementen van het kapitaalgebruik (immateriële activa, goodwill, materiële vaste activa en de elementen van het operationeel werkkapitaal) worden toegewezen aan de verscheidene segmenten. Alle andere activa en verplichtingen worden gerapporteerd als 'niet-toegewezen activa en verplichtingen'. 'Groep & Business support' omvat voornamelijk de functionele eenheid groepstechnologie en niet-doorgerekende kosten voor groepsmanagement en -diensten; het is geen rapporteerbaar segment op zich. De geografische segmentatie is gebaseerd op de locatie van de Bekaert-entiteiten en niet op de locatie van hun klanten. Omdat Bekaert als strategie heeft om zo dicht mogelijk bij de klanten te gaan produceren, worden de meeste klanten bediend door Bekaert-entiteiten in hun eigen regio. Eventuele verkopen tussen segmenten gebeuren tegen prijzen die beantwoorden aan het arm's length principe.
| Groep & | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2014 | Noord | Latijns | Pacifisch | Business | Sluit | Geconsoli | |
| in duizend € | EMEA | Amerika | Amerika | Azië | support | posten | deerd |
| Netto-omzet | 1 063 846 | 554 698 | 631 287 | 965 883 | - | - | 3 215 714 |
| Bedrijfsresultaat vóór eenmalige | |||||||
| opbrengsten en kosten (REBIT) | 114 418 | 20 045 | 26 069 | 63 005 | -60 987 | 1 857 | 164 407 |
| Eenmalige opbrengsten en | |||||||
| kosten | 1 816 | 7 882 | 7 944 | -9 320 | -1 475 | - | 6 847 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 116 234 | 27 927 | 34 013 | 53 685 | -62 462 | 1 857 | 171 254 |
| Afschrijvingen en | |||||||
| waardeverminderingen | 43 883 | 9 476 | 16 739 | 93 906 | 14 545 | -13 938 | 164 611 |
| Bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen | 4 974 | 226 | - | 11 762 | - | - | 16 962 |
| Negatieve goodwill | - | - | -10 893 | - | - | - | -10 893 |
| EBITDA | 165 091 | 37 629 | 39 859 | 159 353 | -47 917 | -12 081 | 341 934 |
| Activa van het segment | 876 913 | 302 759 | 620 126 | 1 282 277 | 159 738 | -205 050 | 3 036 763 |
| Niet-toegewezen activa | - | - | - | - | - | 920 952 | 920 952 |
| Totaal activa | 876 913 | 302 759 | 620 126 | 1 282 277 | 159 738 | 715 902 | 3 957 715 |
| Verplichtingen van het segment | 210 683 | 68 607 | 111 746 | 143 744 | 76 165 | -98 166 | 512 779 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | - | - | - | - | - | 1 878 724 | 1 878 724 |
| Totaal verplichtingen | 210 683 | 68 607 | 111 746 | 143 744 | 76 165 | 1 780 558 | 2 391 503 |
| Kapitaalgebruik | 666 230 | 234 152 | 508 380 | 1 138 533 | 83 573 | -106 884 | 2 523 984 |
| Gemiddeld kapitaalgebruik | 545 080 | 210 761 | 388 466 | 1 112 720 | 80 623 | -99 180 | 2 238 470 |
| ROCE1 | 21,3% | 13,3% | 8,8% | 4,8% | - | - | 7,7% |
| Investeringsuitgaven materiële | |||||||
| vaste activa | 33 421 | 26 196 | 31 779 | 51 190 | 3 987 | -13 789 | 132 784 |
| Investeringsuitgaven | |||||||
| immateriële activa | 33 237 | - | 1 987 | 1 882 | 846 | -16 200 | 21 752 |
| Aandeel in het resultaat van joint | |||||||
| ventures en geassocieerde | |||||||
| ondernemingen | - | - | 26 386 | -1 056 | - | - | 25 330 |
| Deelnemingen in joint ventures | |||||||
| en geassocieerde | |||||||
| ondernemingen | - | - | 144 697 | 11 037 | - | - | 155 734 |
| Aantal medewerkers (einde | |||||||
| jaar)2 | 6 162 | 1 606 | 4 739 | 9 849 | 1 771 | - | 24 127 |
1 ROCE: Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gemiddeld kapitaalgebruik (Return on Capital Employed).
2 Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten.
| Groep & | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2013 | Noord | Latijns | Pacifisch | Business | Sluit | Geconsoli | |
| in duizend € | EMEA | Amerika | Amerika | Azië | support1 | posten | deerd |
| Netto-omzet | 1 040 171 | 547 700 | 644 619 | 953 138 | - | - | 3 185 628 |
| Bedrijfsresultaat vóór eenmalige | |||||||
| opbrengsten en kosten (REBIT) | 87 930 | 18 603 | 44 045 | 77 303 | -71 422 | 9 458 | 165 917 |
| Eenmalige opbrengsten en | |||||||
| kosten | -3 166 | -10 896 | -40 | -4 091 | -10 454 | - | -28 647 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 84 764 | 7 707 | 44 005 | 73 212 | -81 876 | 9 458 | 137 270 |
| Afschrijvingen en | |||||||
| waardeverminderingen | 46 730 | 12 190 | 19 413 | 75 154 | 11 188 | -13 604 | 151 071 |
| Bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen | 1 370 | 2 153 | 182 | 4 945 | - | - | 8 650 |
| EBITDA | 132 864 | 22 050 | 63 600 | 153 311 | -70 688 | -4 146 | 296 991 |
| Activa van het segment | 716 289 | 244 956 | 407 301 | 1 220 697 | 156 452 | -164 351 | 2 581 344 |
| Niet-toegewezen activa | - | - | - | - | - | 799 113 | 799 113 |
| Totaal activa | 716 289 | 244 956 | 407 301 | 1 220 697 | 156 452 | 634 762 | 3 380 457 |
| Verplichtingen van het segment | 188 219 | 57 586 | 76 162 | 133 792 | 79 155 | -72 876 | 462 038 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | - | - | - | - | - | 1 414 543 | 1 414 543 |
| Totaal verplichtingen | 188 219 | 57 586 | 76 162 | 133 792 | 79 155 | 1 341 667 | 1 876 581 |
| Kapitaalgebruik | 528 070 | 187 370 | 331 139 | 1 086 905 | 77 297 | -91 475 | 2 119 306 |
| Gemiddeld kapitaalgebruik | 554 379 | 202 847 | 356 900 | 1 151 915 | 76 522 | -95 366 | 2 247 196 |
| ROCE1 | 15,3% | 3,8% | 12,3% | 6,4% | - | - | 6,1% |
| Investeringsuitgaven materiële | |||||||
| vaste activa | 25 699 | 8 567 | 18 157 | 46 531 | 22 471 | -26 788 | 94 637 |
| Investeringsuitgaven | |||||||
| immateriële activa | 1 114 | - | 464 | 214 | 484 | -100 | 2 176 |
| Aandeel in het resultaat van joint | |||||||
| ventures en geassocieerde | |||||||
| ondernemingen | 15 | - | 30 041 | 188 | - | - | 30 244 |
| Deelnemingen in joint ventures | |||||||
| en geassocieerde | |||||||
| ondernemingen | 102 | - | 144 534 | 11 202 | - | - | 155 838 |
| Aantal medewerkers (einde | |||||||
| jaar)2 | 5 146 | 1 547 | 3 998 | 9 389 | 1 710 | - | 21 790 |
1 ROCE: Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gemiddeld kapitaalgebruik (Return on Capital Employed).
2 Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten. De volgende tabel bevat bijkomende informatie omtrent de bedragen in de kolom 'Sluitposten' in de voorgaande tabel:
| Sluitposten | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | ||
| Immateriële activa | -10 | - |
| Materiële vaste activa | -6 808 | -11 873 |
| Voorraden | 2 672 | -208 |
| Intersegmentmarge-eliminaties | -4 146 | -12 081 |
| Immateriële activa | -4 | -6 |
| Materiële vaste activa | -13 600 | -13 932 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen m.b.t. intersegmentmarge-eliminaties | -13 604 | -13 938 |
| Immateriële activa | -6 | 6 |
| Materiële vaste activa | 6 792 | 2 059 |
| Voorraden | 2 672 | -208 |
| EBIT: intersegmentmarge-eliminaties na afschrijvingen en waardeverminderingen | 9 458 | 1 857 |
| Activa van het segment | ||
| Immateriële activa | -346 | -16 540 |
| Materiële vaste activa | -86 876 | -82 962 |
| Voorraden | -4 253 | -6 336 |
| Handelsvorderingen | -72 863 | -99 204 |
| Betaalde voorschotten | -13 | -8 |
| Intersegmenteliminaties op activa-elementen van kapitaalgebruik | -164 351 | -205 050 |
| Niet-toegewezen activa | ||
| Activa niet opgenomen in kapitaalgebruik | 799 113 | 920 952 |
| Verplichtingen van het segment | ||
| Handelsschulden | -72 863 | -98 158 |
| Ontvangen voorschotten | -13 | -8 |
| Intersegmenteliminaties op passiva-elementen van kapitaalgebruik | -72 876 | -98 166 |
| Niet-toegewezen verplichtingen | ||
| Verplichtingen niet opgenomen in kapitaalgebruik | 1 414 543 | 1 878 724 |
| Kapitaalgebruik | ||
| Eliminaties op activa van het segment | -164 351 | -205 050 |
| - Eliminaties op verplichtingen van het segment | 72 876 | 98 166 |
| Intersegmenteliminaties op elementen van kapitaalgebruik | -91 475 | -106 884 |
| Investeringsuitgaven materiële vaste activa | ||
| Intersegmentmarge-eliminaties op materiële vaste activa | -26 788 | -13 789 |
| Aanpassingen op investeringsuitgaven materiële vaste activa | -26 788 | -13 789 |
| Investeringsuitgaven immateriële activa | ||
| Intersegmentmarge-eliminaties op immateriële activa | -100 | -16 200 |
| Aanpassingen op investeringsuitgaven immateriële activa | -100 | -16 200 |
| verschil | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | (%) |
| Netto-omzet | |||
| Rubberversterkingsproducten | 1 206 510 | 1 205 565 | -0,1% |
| Andere staaldraadproducten | 1 788 174 | 1 851 473 | 3,5% |
| Roestvaste producten | 180 634 | 143 494 | -20,6% |
| Overige | 10 310 | 15 182 | 47,3% |
| Totaal | 3 185 628 | 3 215 714 | 0,9% |
Rubberversterkingsproducten omvatten staalkoord voor banden, hieldraad, slangendraad, transportbandkoord en staalkoordweefsel. Andere staaldraadproducten omvatten industriële en gespecialiseerde staaldraden (met inbegrip van roestvrije draden), bouwproducten, staalkabels en zaagdraad. Roestvaste producten omvatten vezels en verbrandingstechnologieproducten voor verwarmings- en droogsystemen. In 2014 werden de roestvrije draden verplaatst van roestvrije producten naar gespecialiseerde staaldraden.
Alle productgroepen worden in alle segmenten verkocht. De productmix is vrij gelijklopend in EMEA en Noord-Amerika, terwijl in Pacifisch Azië rubberversterkingsproducten overheersen en in Latijns-Amerika andere staaldraadproducten het grootste deel van de activiteit uitmaken.
De tabel hieronder toont het relatief gewicht van België (land waar de onderneming is gevestigd), Chili, China en de Verenigde Staten in termen van omzet en vaste activa (immateriële activa, goodwill en materiële vaste activa).
| % van | % van | |||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | totaal | 2014 | totaal |
| Netto-omzet vanuit België | 275 287 | 9% | 290 236 | 9% |
| Netto-omzet vanuit Chili | 307 099 | 10% | 282 441 | 9% |
| Netto-omzet vanuit China | 685 564 | 22% | 680 904 | 21% |
| Netto-omzet vanuit de VS | 465 395 | 15% | 495 412 | 15% |
| Netto-omzet vanuit andere landen | 1 452 283 | 46% | 1 466 721 | 46% |
| Totaal netto-omzet | 3 185 628 | 100% | 3 215 714 | 100% |
| Vaste activa gelokaliseerd in België | 90 371 | 7% | 108 678 | 7% |
| Vaste activa gelokaliseerd in Chili | 97 603 | 7% | 100 852 | 7% |
| Vaste activa gelokaliseerd in China | 565 266 | 43% | 581 896 | 38% |
| Vaste activa gelokaliseerd in de VS | 66 684 | 5% | 91 876 | 6% |
| Vaste activa gelokaliseerd in andere landen | 506 546 | 38% | 666 071 | 42% |
| Totaal vaste activa | 1 326 470 | 100% | 1 549 373 | 100% |
| in duizend € | 2013 | 2014 | verschil |
|---|---|---|---|
| Omzet | 3 185 628 | 3 215 714 | 30 086 |
| Kostprijs van verkopen | -2 703 316 | -2 729 995 | -26 679 |
| Marge op omzet | 482 312 | 485 719 | 3 407 |
| Commerciële kosten | -128 207 | -138 126 | -9 919 |
| Administratieve kosten | -124 924 | -126 894 | -1 970 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -62 429 | -59 261 | 3 168 |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 12 502 | 21 978 | 9 476 |
| Andere bedrijfskosten | -13 337 | -19 009 | -5 672 |
| Bedrijfsresultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) | 165 917 | 164 407 | -1 510 |
| Eenmalige opbrengsten en kosten | -28 647 | 6 847 | 35 494 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 137 270 | 171 254 | 33 984 |
| Omzet en marge op omzet | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | verschil (%) |
| Omzet | 3 185 628 | 3 215 714 | 0,9% |
| Kostprijs van verkopen | -2 703 316 | -2 729 995 | 1,0% |
| Marge op omzet | 482 312 | 485 719 | 0,7% |
| Marge op omzet in % van omzet | 15,1% | 15,1% |
De geconsolideerde omzet van Bekaert steeg met 0,9% t.o.v. 2013. De netto-impact van acquisities in het huidige jaar (integratie van de staalkabelactiviteiten in Brazilië en de draadactiviteiten in Costa Rica) en de afstotingen in vorige jaren (geavanceerde filtratie-activiteiten) resulteerden in een stijging van de omzet met 0,5%. De organische omzetgroei van 2,8% werd voornamelijk gerealiseerd in EMEA en Pacifisch Azië. Ongunstige wisselkoersschommelingen (in hoofdzaak CLP) hebben deze organische groei echter bijna volledig tenietgedaan (-2,4%).
De marge op omzet was stabiel in nominale termen. Vergeleken met vorig jaar droegen de organische activiteiten in EMEA en in mindere mate die in Noord-Amerika positief bij tot de marge op omzet. De winst uit organische groei werd gecompenseerd door negatieve wisselkoersschommelingen (€ -12,0 miljoen).
| Overheadkosten | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | verschil (%) |
| Commerciële kosten | -128 207 | -138 126 | 7,7% |
| Administratieve kosten | -124 924 | -126 894 | 1,6% |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | -62 429 | -59 261 | -5,1% |
| Totaal | -315 560 | -324 281 | 2,8% |
Naast de impact van de wisselkoersschommelingen heeft de toename van commerciële kosten voornamelijk te maken met de aanzienlijke terugname van de provisies voor dubieuze debiteuren in 2013, terwijl dit niet het geval was in 2014. De toename van de administratieve kosten wordt veroorzaakt door de gemaakte kosten in het kader van acquisities. De kosten voor onderzoek en ontwikkeling zijn afgenomen door meer rendabele projectinitiatieven.
| Andere bedrijfsopbrengsten | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | verschil |
| Ontvangen royalty's | 11 225 | 10 189 | -1 036 |
| Winsten op verkoop van materiële en immateriële vaste activa | 457 | 478 | 21 |
| Gerealiseerde wisselresultaten op verkopen en aankopen | -6 131 | 2 146 | 8 277 |
| Overheidssubsidies | 2 286 | 5 084 | 2 798 |
| Diverse | 4 665 | 4 081 | -584 |
| Totaal | 12 502 | 21 978 | 9 476 |
Overheidssubsidies hebben voornamelijk betrekking op subsidies in China. Er zijn geen aanwijzingen dat er niet zal kunnen voldaan worden aan de voorwaarden voor deze subsidies en dus ook niet dat de subsidies mogelijk teruggestort moeten worden in de toekomst.
| Andere bedrijfskosten | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | verschil |
| Verliezen op verkoop van materiële en immateriële vaste activa | -991 | -1 597 | -606 |
| Afschrijvingen op immateriële vaste activa | -340 | -474 | -134 |
| Bankkosten | -2 456 | -2 475 | -19 |
| Aan belastingen gerelateerde kosten (andere dan winstbelastingen) | -1 465 | -3 112 | -1 647 |
| Diverse | -8 085 | -11 351 | -3 266 |
| Totaal | -13 337 | -19 009 | -5 672 |
De toename van 'Diverse' is hoofdzakelijk het gevolg van bijzondere waardeverminderingen op individuele materiële vaste activa.
| Eenmalige opbrengsten en kosten | ||||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | verschil | |
| Herstructurering - bijzondere waardeverminderingen | (a) | -1 027 | -6 971 | -5 944 |
| Herstructurering - overige opbrengsten | (b) | 3 225 | 3 673 | 448 |
| Herstructurering - overige kosten | (b) | -15 125 | -6 289 | 8 836 |
| Overige bijzondere waardeverminderingen | (a) | -6 621 | -6 853 | -232 |
| Winsten bij verkoop van activiteiten | 1 231 | 310 | -921 | |
| Verliezen bij verkoop van activiteiten | (c) | -50 | -1 474 | -1 424 |
| Winsten bij gefaseerde overnames | (c) | - | 1 804 | 1 804 |
| Negatieve goodwill bij bedrijfscombinaties | (c) | - | 10 893 | 10 893 |
| Overige opbrengsten | (d) | 1 481 | 30 815 | 29 334 |
| Overige kosten | (d) | -11 761 | -19 061 | -7 300 |
| Totaal | -28 647 | 6 847 | 35 494 |
Eenmalige opbrengsten en kosten bedroegen € +6,8 miljoen in vergelijking met € -28,6 miljoen vorig jaar.
De onderstaande tabel levert bijkomende informatie over de toewijzing van de voornaamste componenten van het bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van de opbrengsten en kosten.
| in duizend € | 2013 | 2014 | ||
|---|---|---|---|---|
| Omzet | 3 185 628 | 100% | 3 215 714 | 100% |
| Eenmalige opbrengsten | 5 937 | - | 47 495 | - |
| Andere bedrijfsopbrengsten | 12 502 | - | 21 978 | - |
| Totaal bedrijfsopbrengsten | 3 204 067 | - | 3 285 187 | - |
| Zelfgeproduceerde materiële vaste activa | 31 636 | 1,0% | 48 800 | 1,5% |
| Grondstoffen | -1 209 885 | -38,0% | -1 242 818 | -38,6% |
| Halfproducten en handelsgoederen | -218 430 | -6,9% | -246 866 | -7,7% |
| Voorraadwijziging goederen in bewerking en gereed product | 9 757 | 0,3% | 38 795 | 1,2% |
| Personeelskosten | -603 619 | -18,9% | -610 121 | -19,0% |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -151 071 | -4,7% | -164 610 | -5,1% |
| Bijzondere waardeverminderingen | -8 650 | -0,3% | -16 962 | -0,5% |
| Vervoer- en verhandelingskosten gereed product | -136 104 | -4,3% | -151 649 | -4,7% |
| Hulpstoffen en wisselstukken | -204 889 | -6,4% | -219 200 | -6,8% |
| Kosten voor nutsvoorzieningen | -211 686 | -6,6% | -219 001 | -6,8% |
| Onderhouds- en herstellingskosten | -42 460 | -1,3% | -52 430 | -1,6% |
| Uitgaven voor operationele leasing | -20 124 | -0,6% | -20 406 | -0,6% |
| Commissies in commerciële kosten | -4 718 | -0,1% | -3 414 | -0,1% |
| Douane en accijnzen | -26 852 | -0,8% | -28 842 | -0,9% |
| ICT-kosten | -23 890 | -0,7% | -25 074 | -0,8% |
| Reclame- en promotiekosten | -6 085 | -0,2% | -6 792 | -0,2% |
| Reis-, restaurant- en hotelkosten | -31 427 | -1,0% | -33 760 | -1,0% |
| Consultancy en overige honoraria | -20 078 | -0,6% | -25 725 | -0,8% |
| Kantoorbenodigdheden en -uitrusting | -11 327 | -0,4% | -11 425 | -0,4% |
| Durfkapitaalfondsen O&O | -1 422 | 0,0% | -982 | 0,0% |
| Tijdelijke of externe personeelskosten | -18 160 | -0,6% | -20 696 | -0,6% |
| Verzekeringskosten | -4 349 | -0,1% | -6 459 | -0,2% |
| Diverse bedrijfskosten | -152 962 | -4,8% | -94 296 | -2,9% |
| Totaal bedrijfskosten | -3 066 797 | -96,3% | -3 113 933 | -96,8% |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 137 270 | 4,3% | 171 254 | 5,3% |
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Renteopbrengsten van financiële activa niet geclassificeerd als tegen RWVR | 6 449 | 5 291 |
| Renteopbrengsten | 6 449 | 5 291 |
| Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als tegen RWVR | -55 770 | -54 801 |
| Overige schuldgerelateerde rentelasten | -8 645 | -7 336 |
| Rentelasten | -64 415 | -62 137 |
| Rentegedeelte van rentedragende voorzieningen | -5 739 | -6 078 |
| Rentelasten | -70 154 | -68 215 |
| Totaal | -63 705 | -62 924 |
Ondanks het feit dat de financiële schulden zijn toegenomen met € 355 miljoen zijn de rentelasten op hetzelfde niveau gebleven, dit door een lagere gemiddelde rentevoet op de financiële schulden. Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat (RWVR) hebben betrekking op alle schuldinstrumenten van de groep, met uitzondering van afdekkingsinstrumenten, afgedekte items en renterisicobeperkende derivaten aangemerkt als economische afdekkingen.
Het rentegedeelte van rentedragende voorzieningen heeft voornamelijk betrekking op de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen') en op de geboekte voorzieningen voor bedrijfscombinaties met ArcelorMittal (€ 0,6 miljoen) en Maccaferri (€ 0,1 miljoen).
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Waardeaanpassingen van derivaten | -1 550 | -18 991 |
| Waardeaanpassingen van afgedekte posities | -494 | 4 829 |
| Wisselresultaten op afgedekte posities | -2 479 | 23 749 |
| Nettoimpact van derivaten en afgedekte posities | -4 523 | 9 587 |
| Overige wisselresultaten | -12 249 | -6 213 |
| Bijzondere waardeverminderingen op financiële activa beschikbaar voor verkoop | -1 284 | -157 |
| Effecten van inflatieboekhouden | 1 814 | 2 655 |
| Dividenden van niet-geconsolideerde deelnemingen | 254 | 147 |
| Bankkosten en heffingen op financiële transacties | -990 | -2 877 |
| Bijzondere waardeverminderingen en terugnemingen op leningen en overige vorderingen | -1 374 | -6 039 |
| Overige | -1 470 | -833 |
| Totaal | -19 822 | -3 730 |
Waardeaanpassingen omvatten de wijzigingen in reële waarde van alle derivaten die niet als kasstroomafdekkingen worden aangemerkt, alsook van schulden die afgedekt zijn door een reëlewaardeafdekking. In 2014 werd een reëlewaardewinst van € 13,4 miljoen opgenomen op de conversieoptie gerelateerd met de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2014 (zie de sectie 'Financiële instrumenten volgens de hiërarchie van reëlewaardebepalingen' in de toelichting 7.3 'Beheer van financiële risico's en derivaten'). De hier getoonde nettoimpact van derivaten en afgedekte posities omvat geen effecten die opgenomen werden in andere elementen van de winst-en-verliesrekening, zoals rentelasten, kostprijs van verkopen of andere bedrijfsopbrengsten en -kosten. Voor meer details betreffende de nettoimpact van derivaten en afgedekte posities, zie toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
Effecten van inflatieboekhouden hebben betrekking op de Venezolaanse activiteiten. Bankkosten en heffingen op financiële transacties zijn voornamelijk toegenomen in China, Brazilië en België. Er werd een bijzondere waardevermindering van € 5,7 miljoen geboekt op vorderingen van de Venezolaanse overheid. Nadat een bijzondere waardevermindering van € 1,3 miljoen werd opgenomen op de deelneming van de Groep in Shougang Concord Century Holdings Ltd in 2013, werd nogmaals een bijzondere waardevermindering van € 0,2 miljoen geboekt op 30 juni 2014, aangezien de aandelenkoers opnieuw gedaald was op de beurs van Hong Kong. Tegen het einde van het jaar was de aandelenkoers opnieuw gestegen, wat resulteerde in de opname van een reëlewaardewinst van € 1,4 miljoen via het eigen vermogen (zie toelichting 6.5. 'Overige vaste activa').
| 2013 in duizend € |
2014 | |
|---|---|---|
| Verschuldigde belastingen over het lopend jaar -60 491 |
-57 142 | |
| Verschuldigde belastingen over de voorbije jaren -3 890 |
-135 | |
| Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in tijdelijke verschillen 16 532 |
15 570 | |
| Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in belastingvoeten | -67 | -669 |
| Totale belastinglast -47 916 |
-42 376 |
In onderstaande tabel wordt met winst vóór belastingen bedoeld: resultaat vóór belastingen.
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Winst vóór belastingen | 53 743 | 104 600 |
| Belastinglast op resultaten van fiscale entiteiten tegen de theoretische lokale | ||
| belastingvoet van de betrokken landen1 | -2 676 | -28 857 |
| Belastinglast op de uitkering van overgedragen winsten | -11 018 | -2 171 |
| Totale theoretische belastinglast | -13 694 | -31 028 |
| Theoretische belastingvoet | -25,5% | -29,7% |
| Belastingimpact van: | ||
| Fiscaal niet-aftrekbare uitgaven | -16 635 | -10 991 |
| Andere belastingvoeten en speciale belastingregimes | 4 845 | 4 766 |
| Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen 2 | -14 057 | -12 205 |
| Aanwending van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen | 14 342 | 8 566 |
| Belastingen met betrekking tot voorgaande jaren | -18 650 | -8 687 |
| Fiscaal vrijgestelde inkomsten | 2 552 | 4 589 |
| Overige | -6 619 | 2 614 |
| Totale belastinglast | -47 916 | -42 376 |
| Werkelijke belastingvoet | -89,2% | -40,5% |
1 De kost voor 2013 is laag omdat de waarde in de toelichting een samenvoeging is van positieve resultaten in landen met een lagere
belastingvoet en negatieve resultaten in landen met een hogere belastingvoet die ten opzichte van elkaar afgezet worden. 2 Niet opgenomen uitgestelde belastingvorderingen hebben voornamelijk betrekking op verliezen in China, Maleisië en Indië.
Andere belastingvoeten en speciale belastingregimes weerspiegelen tijdelijke belastingvrijstellingen en de notionele interestaftrek.
Het bedrijfsresultaat van de Braziliaanse joint ventures werd negatief beïnvloed door een kwakkelende Braziliaanse economie. Bijkomende financiële informatie met betrekking tot deze Braziliaanse joint ventures wordt verstrekt onder toelichting 6.4 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen'. De Chinese joint venture met Xinyu Steel heeft nog steeds moeite om een ommezwaai te realiseren en werd getroffen door een afboeking van uitgestelde belastingvorderingen.
| in duizend € | 2013 | 2014 | |
|---|---|---|---|
| Joint ventures | |||
| BOSFA Pty Ltd | Australië | 688 | 183 |
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 28 515 | 26 754 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | 1 526 | -368 |
| Bekaert Faser Vertriebs GmbH | Duitsland | 15 | - |
| Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd | China | -500 | -1 240 |
| Totaal | 30 244 | 25 329 |
| 2014 | Aantal |
|---|---|
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) | 57 599 873 |
| Verwateringseffect van uitgegeven warrants en opties | 274 966 |
| Verwateringseffect van de converteerbare obligatielening uitgegeven in 2014 | 1 001 473 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) | 58 876 312 |
| Na | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | Basis berekening |
verwaterings effect |
|
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep en aan de gewone aandeelhouders | 87 176 | 87 176 | |
| Effect van de converteerbare obligatielening uitgegeven in 20141 | - | -8 668 | |
| Winst | 87 176 | 78 508 | |
| Winst per aandeel (in €) | 1,513 | 1,333 |
1 Niet te vermelden als het effect van de converteerbare obligatie antidilutief is, d.i. als het effect zodanig is dat het de winst per aandeel ratio zou verbeteren (zie onder),
De winst per aandeel (earnings per share, 'EPS') is het bedrag van de winst na belastingen toewijsbaar aan elk aandeel. De basisberekening van de winst per aandeel komt overeen met het resultaat van de periode toerekenbaar aan de Groep gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen gedurende het jaar. De winst per aandeel na verwateringseffect weerspiegelt de verplichtingen van de Groep tot het uitgeven van aandelen in de toekomst. In 2014 omvatte dit warrants, opties en de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2014. Warrants en opties zijn slechts dilutief in de mate dat hun uitoefenprijs lager is dan de gemiddelde slotkoers van de periode. Het verwateringseffect van warrants en opties is beperkt tot het gewogen gemiddeld aantal aandelen gebruikt in de noemer van de EPS ratio; er is geen effect op het perioderesultaat dat opgenomen wordt in de teller van de EPS ratio. De converteerbare obligatielening heeft meestal een effect op zowel de noemer als de teller van de EPS ratio. Het verwateringseffect van de converteerbare obligatielening op de winst (te gebruiken in de noemer van de EPS ratio) bestaat uit het terugdraaien van alle opbrengsten en kosten in direct verband met de converteerbare obligatielening en die de 'basis'-winst voor de periode beïnvloed hebben. Volgende elementen van de winst-en-verliesrekening werden beïnvloed door de converteerbare obligatielening:
De converteerbare obligatielening is antidilutief als ze de EPS ratio na verwateringseffect zou verbeteren, d.i. als de winst per aandeel na verwateringseffect verhoogt of als het verlies per aandeel na verwateringseffect daalt. Om de impact te berekenen, wordt verondersteld dat de dilutieve warrants en opties worden uitgeoefend en dat ook de conversie-optie van de converteerbare obligatielening wordt uitgeoefend in zijn totaliteit bij het begin van
de periode, of, als de instrumenten uitgegeven werden gedurende de periode, op uitgiftedatum. De kenmerken van de conversie-optie zijn van die aard dat enkel de verhoging van de aandelenprijs boven de conversieprijs converteerbaar is in aandelen, en dat Bekaert een call-optie heeft wanneer de aandelenprijs de conversieprijs met 32,5 % overstijgt. Het aantal aandelen dat kan geconverteerd worden, werd op die manier gelimiteerd tot 1 868 033. Bijgevolg werd door het management beslist om het maximum aantal aandelen (1 868 033) dat kan geconverteerd worden, terug in te kopen, om elk verwateringseffect uit de uitgifte van de converteerbare obligatielening tegen te gaan. Het terugkoopprogramma is gestart in juni en voltooid eind september, resulterend in een vermindering van het basis gewogen gemiddeld aantal aandelen met 780 102 en een verhoging van zowel de basiswinst per aandeel als de winst per aandeel na verwateringseffect met € 0,02.
| 2013 | Aantal | |
|---|---|---|
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) | 58 519 782 | |
| Verwateringseffect van uitgegeven warrants en opties | 179 647 | |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) | 58 699 429 | |
| Na | ||
| Basis | verwaterings | |
| berekening | effect | |
| Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep en aan de gewone aandeelhouders | ||
| (in duizend €) | 24 574 | 24 574 |
|---|---|---|
| Winst | 24 574 | 24 574 |
| Winst per aandeel (in €) | 0,420 | 0,419 |
De gewogen gemiddelde slotkoers tijdens 2014 was € 27,15 per aandeel (2013: € 24,93 per aandeel). De volgende opties en warrants hebben een uitoefenprijs die hoger lag dan de gewogen gemiddelde slotkoers en waren dus antidilutief tijdens de verslagperiode:
| Datum van | Uitoefenprijs | |||
|---|---|---|---|---|
| Niet-dilutieve instrumenten | toekenning | (in €) | Aantal toegekend | Aantal uitstaand |
| SOP2 - opties | 19.02.2007 | 30,175 | 37 500 | 10 000 |
| SOP2 - opties | 18.02.2008 | 28,335 | 43 500 | 19 500 |
| SOP2 - opties | 15.02.2010 | 33,990 | 49 500 | 49 500 |
| SOP 2005-2009 - warrants | 19.02.2007 | 30,175 | 182 010 | 10 270 |
| SOP 2005-2009 - warrants | 18.02.2008 | 28,335 | 229 200 | 118 850 |
| SOP 2005-2009 - warrants | 15.02.2010 | 33,990 | 225 450 | 191 850 |
| SOP 2010-2014 - opties | 14.02.2011 | 77,000 | 360 925 | 314 925 |
Voor meer informatie i.v.m. warrants en opties, zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties'.
| in duizend € | |
|---|---|
| Licenties, | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| patenten en | Gebruiks | Ontwik | ||||
| Aanschaffingswaarde | soortgelijke rechten |
Computer software |
recht terreinen |
kelings uitgaven |
Overige | Totaal |
| Per 1 januari 2013 | 8 817 | 62 717 | 71 041 | 1 001 | 19 494 | 163 070 |
| Aanschaffingen | 309 | 1 667 | - | - | 200 | 2 176 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -500 | -6 | -3 763 | -982 | - | -5 251 |
| Overdrachten1 | 130 | 1 673 | - | - | 33 | 1 836 |
| Uit consolidatie genomen | - | -111 | - | - | -3 150 | -3 261 |
| Omrekeningswinsten en | ||||||
| -verliezen (-) | -65 | -1 149 | -2 594 | - | -520 | -4 328 |
| Per 31 december 2013 | 8 691 | 64 791 | 64 684 | 19 | 16 057 | 154 242 |
| Per 1 januari 2014 | 8 691 | 64 791 | 64 684 | 19 | 16 057 | 154 242 |
| Aanschaffingen | 15 021 | 5 138 | 1 149 | - | 443 | 21 752 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | - | -420 | - | - | -86 | -506 |
| Overdrachten1 | -284 | 272 | - | - | - | -12 |
| Eerste consolidatie | - | 2 | - | - | 6 010 | 6 012 |
| Omrekeningswinsten en | ||||||
| -verliezen (-) | 54 | 1 900 | 7 023 | - | 1 657 | 10 634 |
| Per 31 december 2014 | 23 483 | 71 683 | 72 856 | 19 | 24 081 | 192 121 |
| Afschrijvingen en bijzondere | ||||||
| waardeverminderingen | ||||||
| Per 1 januari 2013 | 7 462 | 48 453 | 7 888 | 1 001 | 16 006 | 80 810 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 1 079 | 5 242 | 1 377 | - | 764 | 8 462 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 125 | - | - | - | - | 125 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -500 | -6 | -303 | -982 | - | -1 791 |
| Uit consolidatie genomen | - | -111 | - | - | -2 951 | -3 062 |
| Omrekeningswinsten (-) en | ||||||
| -verliezen | -28 | -724 | -174 | - | -420 | -1 346 |
| Per 31 december 2013 | 8 138 | 52 854 | 8 788 | 19 | 13 399 | 83 198 |
| Per 1 januari 2014 | 8 138 | 52 854 | 8 788 | 19 | 13 399 | 83 198 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 168 | 4 827 | 1 330 | - | 955 | 7 280 |
| Bijzondere waardeverminderingen | - | 116 | - | - | - | 116 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | - | -420 | - | - | -86 | -506 |
| Omrekeningswinsten (-) en | ||||||
| -verliezen | 44 | 1 501 | 1 039 | - | 1 363 | 3 947 |
| Per 31 december 2014 | 8 350 | 58 878 | 11 157 | 19 | 15 631 | 94 034 |
| Nettoboekwaarde per 31 december 2013 |
553 | 11 936 | 55 896 | - | 2 658 | 71 043 |
| Nettoboekwaarde | ||||||
| per 31 december 2014 | 15 133 | 12 805 | 61 699 | - | 8 450 | 98 087 |
1Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van immateriële activa en materiële vaste activa (zie toelichting 6.3.) worden opgeteld.
De aanschaffingen van licenties, patenten en soortgelijke rechten hebben hoofdzakelijk betrekking op de verwerving van de intellectuele eigendom van Pirelli (€ 15 miljoen). De aanschaffingen van software zijn gerelateerd met het Satellietproject (verkoop en logistiek) en ERP-software (SAP). De toename in gebruiksrechten op terreinen in 2014 heeft betrekking op de aankoop door Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd. De eerste consolidatie in overige immateriële activa heeft betrekking op de synergieën uit de overdracht van productievolumes (€ 4,8 miljoen) en de klantenportefeuille (€ 1,2 miljoen) verworven in het kader van de bedrijfscombinatie met Maccaferri (zie toelichting 7.2 'Effect van bedrijfscombinaties').
Op balansdatum waren er geen immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur.
Deze toelichting behelst enkel goodwill op verwerving van dochterondernemingen. Goodwill met betrekking tot joint ventures en geassocieerde ondernemingen zit vervat in toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen'.
| Aanschaffingswaarde | |
|---|---|
| --------------------- | -- |
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 41 569 | 35 566 |
| Toenames | - | 784 |
| Uit consolidatie genomen | -4 844 | - |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) | -1 159 | 1 668 |
| Per 31 december | 35 566 | 38 018 |
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 24 628 | 19 197 |
| Uit consolidatie genomen | -4 844 | - |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | -587 | 338 |
| Per 31 december | 19 197 | 19 535 |
| Nettoboekwaarde per 31 december | 16 369 | 18 483 |
In 2014 is de toename in goodwill een gevolg van nieuwe bedrijfscombinaties, zijnde de commerciële samenwerking met Maccaferri voor ondergrondse oplossingen (€ 0,1 miljoen) en de acquisitie van Pirelli's staalkoordfabrieken (€ 0,7 miljoen – voorlopig bedrag). De bedrijfscombinatie betreffende de ArcelorMittal deal in Costa Rica, Brazilië en Ecuador resulteert in een negatieve goodwill van € 10,9 miljoen die opgenomen werd in de winst-en-verliesrekening. Meer informatie over de goodwillberekeningen is voorzien in toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties'.
In 2013 waren er geen nieuwe bedrijfscombinaties. Het netto-effect van deconsolidatie in 2013 is nul, aangezien de betreffende goodwill van de geavanceerde filtratie activiteiten en de 'flaring' activiteiten reeds volledig waren afgewaardeerd op het ogenblik van verkoop van deze kasstroomgenererende eenheden.
De goodwill verworven ten gevolge van een bedrijfscombinatie wordt toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden waarvan verwacht wordt dat zij voordeel zullen halen uit deze bedrijfscombinatie.
De nettoboekwaarde van de goodwill en de eraan verbonden bijzondere waardeverminderingen zijn als volgt toegewezen:
| Segment in duizend € |
Groep van kasstroomgenererende eenheden |
Nettoboek waarde 31 dec 2012 |
Bijzondere waardever mindering 2013 |
Nettoboek waarde 31 dec 2013 |
Bijzondere waardever mindering 2014 |
Nettoboek waarde 31 dec 2014 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Dochterondernemingen | ||||||
| EMEA | Cold Drawn Products Ltd | 2 743 | - | 2 685 | - | 2 874 |
| EMEA | Verbrandingstechnologie - verwarming EMEA |
3 027 | - | 3 027 | - | 3 027 |
| EMEA | Bouwproducten | - | - | - | - | 71 |
| EMEA | Rubberversterkingsproducten | - | - | - | - | 713 |
| Noord-Amerika | Productie-eenheid Orrville (USA) |
8 890 | - | 8 505 | - | 9 662 |
| Latijns-Amerika Inchalam-groep | 1 005 | - | 876 | - | 860 | |
| Latijns-Amerika Bekaert Ideal SL | ||||||
| vennootschappen | 844 | - | 844 | - | 844 | |
| Pacifisch Azië | Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd |
385 | - | 385 | - | 385 |
| Pacifisch Azië | Bekaert-Jiangying Wire | |||||
| Products Co Ltd | 47 | - | 47 | - | 47 | |
| Subtotaal | 16 941 | - | 16 369 | - | 18 483 | |
| Joint ventures en geassocieerde | ||||||
| ondernemingen | ||||||
| Latijns-Amerika Belgo Bekaert Arames Ltda | 5 559 | - | 4 614 | - | 4 667 | |
| Subtotaal | 5 559 | - | 4 614 | - | 4 667 | |
| Totaal | 22 500 | - | 20 983 | - | 23 150 |
Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden minstens jaarlijks getoetst op bijzondere waardevermindering op basis van hun bedrijfswaarde, met toepassing van de volgende assumpties:
| Disconteringsvoeten voor toetsen op bijzondere | ||||
|---|---|---|---|---|
| waardevermindering | Euro-regio | USD-regio | CNY-regio | |
| Streefcijfers voor de Groep | ||||
| Gearing: nettoschuld / eigen vermogen | 50% | |||
| % schulden | 33% | |||
| % eigen vermogen | 67% | |||
| % langetermijnschulden | 75% | |||
| % kortetermijnschulden | 25% | |||
| Schuldkost voor Bekaert | 2,3% | 2,5% | 6,3% | |
| Langetermijnrentevoet | 2,7% | 3,0% | 6,5% | |
| Kortetermijnrentevoet | 1,2% | 1,0% | 5,6% | |
| Eigenvermogenkost voor Bekaert = Rf + β . Em |
7,6% | 8,9% | 12,7% | |
| Risicovrije rentevoet = Rf | 1,0% | 2,3% | 6,2% | |
| Beta = β | 1,31 | |||
| Marktrisicopremie voor eigen vermogen = Em | 5% | |||
| Belastingvoet | 27% | |||
| Eigenvermogenkost vóór belastingen | 7,6% | 8,9% | 12,7% | |
| WACC - nominaal | 5,8% | 6,7% | 10,5% | |
| Verwachte inflatie | 1,6% | 2,2% | 2,8% | |
| WACC in reële termen | 4,2% | 4,5% | 7,7% |
Op basis van de gegevens die op vandaag gekend zijn, zouden redelijkerwijs mogelijke veranderingen in de voornaamste veronderstellingen (waaronder de disconteringsvoet, de omzet- en marge-evolutie) geen aanleiding geven tot bijzondere waardeverminderingen voor één van de overige kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill werd toegewezen.
| Instal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | laties, | Overige | |||||
| Terreinen | machines | Meubilair | materiële | ||||
| Aanschaffingswaarde | en gebouwen |
en uitrusting |
en rollend materieel |
Financiële leasing |
vaste activa |
Activa in aanbouw |
Totaal |
| Per 1 januari 2013 | 934 199 | 2 261 204 | 92 811 | 9 800 | 4 351 | 62 150 | 3 364 516 |
| Aanschaffingen | 23 955 | 53 448 | 6 492 | 73 | 1 269 | 11 472 | 96 709 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -1 711 | -19 104 | -4 630 | -323 | -393 | -54 | -26 215 |
| Uit consolidatie genomen | -3 740 | -3 167 | -516 | - | - | -5 | -7 428 |
| Overdrachten1 | - | - | - | - | - | -1 836 | -1 836 |
| Herclassificering als (-) / uit | |||||||
| aangehouden voor verkoop | -21 752 | - | - | - | - | - | -21 752 |
| Omrekeningswinsten en | |||||||
| -verliezen (-) | -35 306 | -69 915 | -3 863 | -1 125 | -157 | -4 210 | -114 576 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 1 224 | 1 373 | 151 | - | - | 54 | 2 802 |
| Overige inflatie-effecten | - | - | - | - | - | 18 | 18 |
| Per 31 december 2013 | 896 869 | 2 223 839 | 90 445 | 8 425 | 5 070 | 67 589 | 3 292 238 |
| Per 1 januari 2014 | 896 869 | 2 223 839 | 90 445 | 8 425 | 5 070 | 67 589 | 3 292 238 |
| Aanschaffingen | 21 871 | 89 433 | 5 347 | 1 373 | 833 | 16 390 | 135 247 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -3 144 | -146 445 | -7 055 | - | - | -1 588 | -158 232 |
| Eerste consolidatie | 80 544 | 78 597 | 707 | - | 157 | 2 535 | 162 540 |
| Overdrachten1 | - | - | - | - | - | 12 | 12 |
| Omrekeningswinsten en | |||||||
| -verliezen (-) | 52 051 | 147 716 | 4 769 | -61 | 70 | 5 263 | 209 809 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 1 659 | 1 921 | 206 | - | - | 116 | 3 901 |
| Overige inflatie-effecten | - | - | - | - | - | 22 | 22 |
| Per 31 december 2014 | 1 049 850 | 2 395 062 | 94 419 | 9 738 | 6 129 | 90 340 | 3 645 537 |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | |||||||
| Per 1 januari 2013 | 389 022 | 1 512 618 | 72 561 | 1 434 | 2 315 | - | 1 977 949 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 34 570 | 119 625 | 8 519 | 274 | 667 | - | 163 655 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 339 | 8 450 | 39 | - | 182 | - | 9 010 |
| Terugname van bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen en | |||||||
| afschrijvingen | - | -471 | -35 | - | - | - | -506 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -1 538 | -17 684 | -4 239 | -202 | -206 | - | -23 869 |
| Uit consolidatie genomen | -1 976 | -3 084 | -488 | - | - | - | -5 548 |
| Herclassificering als (-) / uit | |||||||
| aangehouden voor verkoop | -19 656 | - | - | - | - | - | -19 656 |
| Omrekeningswinsten (-) en | |||||||
| -verliezen | -12 301 | -43 346 | -2 621 | -85 | -103 | - | -58 456 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 254 | 584 | 99 | - | - | - | 937 |
| Per 31 december 2013 | 388 714 | 1 576 692 | 73 835 | 1 421 | 2 855 | - | 2 043 516 |
| Per 1 januari 2014 | 388 714 | 1 576 692 | 73 835 | 1 421 | 2 855 | - | 2 043 516 |
| Afschrijvingen van het boekjaar | 34 308 | 111 077 | 7 823 | 227 | 499 | - | 153 934 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 290 | 17 803 | 176 | - | - | - | 18 270 |
| Terugname van bijzondere | |||||||
| waardeverminderingen en | |||||||
| afschrijvingen | -9 | -1 383 | -32 | - | - | - | -1 423 |
| Verkopen en buitengebruikstellingen | -2 353 | -143 332 | -6 797 | - | - | - | -152 482 |
| Overdrachten1 | 2 | -1 | - | - | - | - | - |
| Omrekeningswinsten (-) en | |||||||
| -verliezen | 24 334 | 101 683 | 3 994 | 38 | - | - | 130 049 |
| Inflatie-effecten op de openingssaldi | 405 | 931 | 157 | - | - | - | 1 493 |
| Per 31 december 2014 | 445 691 | 1 663 470 | 79 156 | 1 686 | 3 354 | - | 2 193 357 |
1Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van immateriële activa (zie toelichting 6.1. 'Immateriële activa') en materiële vaste activa worden opgeteld.
| Terreinen en |
Instal laties, machines en |
Meubilair en rollend |
Financiële | Overige materiële vaste |
Activa in | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | gebouwen | uitrusting | materieel | leasing | activa | aanbouw | Totaal |
| Nettoboekwaarde per | |||||||
| 31 december 2013 vóór | |||||||
| investeringssubsidies en | |||||||
| herclassificering van leasing | 508 155 | 647 147 | 16 611 | 7 004 | 2 215 | 67 589 | 1 248 721 |
| Netto-investeringssubsidies | -6 271 | -3 392 | - | - | - | - | -9 663 |
| Financiële leasing per categorie van | |||||||
| activa | 6 794 | 17 | 193 | -7 004 | - | - | - |
| Nettoboekwaarde | |||||||
| per 31 december 2013 | 508 678 | 643 772 | 16 804 | - | 2 215 | 67 589 | 1 239 058 |
| Nettoboekwaarde per | |||||||
| 31 december 2014 vóór | |||||||
| investeringssubsidies en | |||||||
| herclassificering van leasing | 604 158 | 731 592 | 15 263 | 8 052 | 2 775 | 90 340 | 1 452 181 |
| Netto-investeringssubsidies | -7 676 | -11 701 | - | - | - | - | -19 377 |
| Financiële leasing per categorie van | |||||||
| activa | 7 891 | 15 | 146 | -8 052 | - | - | - |
| Nettoboekwaarde | |||||||
| per 31 december 2014 | 604 373 | 719 907 | 15 409 | - | 2 775 | 90 340 | 1 432 804 |
De investeringsprogramma's in België, Chili, China, Costa Rica, Slovakije en de Verenigde Staten vertegenwoordigden het grootste deel van de aanschaffingen. De netto-omrekeningswinst van dit jaar (€ 79,8 miljoen) heeft voornamelijk betrekking op activa opgenomen in Chinese renminbis (€ 56,9 miljoen), US dollars (€ 30,6 miljoen), Indische roepies (€ 4,7 miljoen), Russische roebels (€ -10,4 miljoen), Chileense pesos (€ -1,5 miljoen) en Venezolaanse bolivars (€ -1,2 miljoen).
De methodologie voor het toetsen op bijzondere waardeverminderingen is consistent met deze die uitgelegd wordt in toelichting 6.2. 'Goodwill'. Voor herclassificeringen als / uit aangehouden voor verkoop verwijzen wij naar toelichting 6.11. 'Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa'. Voor meer details inzake eerste consolidatie verwijzen wij naar toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties'.
Inflatie-effecten hebben betrekking op de toepassing van inflatieboekhouden in Venezuela.
Er werden geen materiële vaste activa verpand als waarborg voor leningen.
De Groep heeft geen deelnemingen in ondernemingen die worden geclassificeerd als geassocieerde ondernemingen.
| 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Per 1 januari 162 036 |
151 224 |
| Resultaat van het boekjaar 30 244 |
25 330 |
| Dividenden -12 509 |
-20 577 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen -28 547 |
3 339 |
| Uit consolidatie genomen - |
-8 030 |
| Andere elementen van het resultaat - |
-219 |
| Per 31 december 151 224 |
151 067 |
Voor een analyse van het resultaat van het boekjaar verwijzen wij naar toelichting 5.6. 'Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen'. Uit consolidatie genomen activiteiten hebben betrekking op de afsplitsing van Bekaert Cimaf Cabos uit Belgo Bekaert Arames Ltda in het kader van de bedrijfscombinatie met ArcelorMittal in Costa Rica en Brazilië (cf. toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties') en de vereffening van Bekaert Faser Vertriebs GmbH.
Hierna volgt een overzicht van het groepsaandeel in het eigen vermogen van de deelnemingen in joint ventures:
| in duizend € | 2013 | 2014 | |
|---|---|---|---|
| Joint ventures | |||
| BOSFA Pty Ltd | Australië | 3 087 | 3 393 |
| Bekaert Faser Vertriebs GmbH | Duitsland | 102 | - |
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 125 538 | 125 806 |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | 14 382 | 14 224 |
| Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd | China | 8 115 | 7 644 |
| Totaal joint ventures, exclusief gerelateerde goodwill | 151 224 | 151 067 | |
| Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill | 4 614 | 4 667 | |
| Totaal joint ventures, inclusief gerelateerde goodwill | 155 838 | 155 734 |
Er werden geen belangrijke voorwaardelijke activa met betrekking tot de joint ventures geïdentificeerd op de balansdatum. De voornaamste voorwaardelijke verplichtingen op balansdatum houden verband met belastingen in Belgo Bekaert Arames Ltda en BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda. Deze Braziliaanse joint ventures proberen al een tijd om ICMS-belastingvorderingen te compenseren voor een totale nettoboekwaarde van € 9,3 miljoen (2013: € 10,9 miljoen). Daarbij worden zij ook geconfronteerd met geschillen die betrekking hebben op ICMS-tegoeden voor een totaal bedrag van € 13,4 miljoen (2013: €11,0 miljoen), ICMStegemoetkomingen voor een totaal bedrag van € 1,7 miljoen (2013: € 1,5 miljoen) en met andere belastinggeschillen, waarvan de meeste al jaren hangend zijn, voor een totaal nominaal bedrag van € 12,3 miljoen (2013: € 9,8 miljoen). Het is evident dat eventuele verliezen voortvloeiend uit bovenvermelde voorwaardelijke verplichtingen de Groep slechts zouden affecteren in de mate van hun participatie in de betrokken joint ventures (ca. 45%).
In overeenstemming met IFRS 12, 'Informatieverschaffing over betrokkenheid in andere entiteiten', wordt de volgende informatie verstrekt voor belangrijke joint ventures. De twee Braziliaanse joint ventures werden samengevoegd om de dominantie van het partnerschap met ArcelorMittal te benadrukken bij het analyseren van het relatief belang van de joint ventures.
| Deelnemingspercentage (en stemrechtenpercentage) aangehouden door de Groep op jaareinde |
||||
|---|---|---|---|---|
| Naam van de joint venture in duizend € |
Land | 2013 | 2014 | |
| Belgo Bekaert Arames Ltda | Brazilië | 45,0% (50,0%) | 45,0% (50,0%) | |
| BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | Brazilië | 44,5% (50,0%) | 44,5% (50,0%) |
Belgo Bekaert Arames Ltda produceert en verkoopt een grote variëteit van draadproducten die meestal bestemd zijn voor industriële klanten, terwijl BMB hoofdzakelijk draad en kabels ter versterking van rubberbanden produceert en verkoopt.
| Braziliaanse joint ventures: winst-en-verliesrekening | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Omzet | 904 143 | 820 208 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 95 025 | 79 084 |
| Renteopbrengsten | 7 484 | 2 780 |
| Rentelasten | -8 959 | -5 752 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | -5 745 | -2 405 |
| Winstbelastingen | -11 821 | -6 801 |
| Perioderesultaat | 75 984 | 66 906 |
| Andere elementen van het resultaat | - | -486 |
| Volledig perioderesultaat | 75 984 | 66 420 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 22 170 | 20 498 |
| EBITDA | 117 195 | 99 582 |
| Dividenden ontvangen van de entiteit | 12 494 | 20 577 |
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | 245 809 | 252 426 |
| Vaste activa | 231 043 | 237 101 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | -115 254 | -126 689 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | -51 073 | -52 644 |
| Nettoactiva | 310 525 | 310 194 |
| Braziliaanse joint ventures: nettoschuldelementen in duizend € |
2013 | 2014 |
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | 292 | 47 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | 10 804 | 14 773 |
| Totaal financiële schulden | 11 096 | 14 820 |
| Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar | -23 130 | -24 262 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | -15 158 | -16 508 |
| Nettoschuld | -27 192 | -25 950 |
| Braziliaanse joint ventures: aansluiting met nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Nettoactiva van Belgo Bekaert Arames Ltda | 278 548 | 278 802 |
| Deelnemingspercentage van de Groep | 45,0% | 45,0% |
| Proportionele nettoactiva | 125 347 | 125 461 |
| Consolidatie-aanpassingen | 191 | 345 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in Belgo Bekaert Arames Ltda | 125 538 | 125 806 |
| Nettoactiva van BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda | 31 977 | 31 392 |
| Deelnemingspercentage van de Groep | 44,5% | 44,5% |
| Proportionele nettoactiva | 14 230 | 13 969 |
| Consolidatie-aanpassingen | 152 | 255 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in BMB-Belgo Mineira Bekaert | ||
| Artefatos de Arame Ltda | 14 382 | 14 224 |
| Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in de Braziliaanse joint | ||
| ventures | 139 920 | 140 030 |
| Geaggregeerde informatie van de overige joint ventures | ||
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Aandeel van de Groep in het resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 203 | -1 057 |
| Aandeel van de Groep in het volledig perioderesultaat | 203 | -1 057 |
| Geaggregeerde nettoboekwaarde van het aandeel van de Groep in deze joint ventures | 11 304 | 11 037 |
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Financiële vorderingen op meer dan een jaar en kaswaarborgen | 21 421 | 19 551 |
| Restitutierechten en overige vorderingen op meer dan een jaar | 3 887 | 8 973 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 14 760 | 5 944 |
| Nettovordering uit toegezegdpensioenregelingen op meer dan een jaar | - | 21 |
| Financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop | 8 713 | 9 979 |
| Totaal overige vaste activa | 48 781 | 44 468 |
De financiële vorderingen op meer dan een jaar zijn voornamelijk het gevolg van uitgestelde betalingen bij de verkoop van de industriële deklagenactiviteit in 2012, die volledig vereffend zullen zijn tegen 2017.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Per 1 januari | 11 305 | 8 713 |
| Aanschaffingen | 14 | 21 |
| Verkopen | -1 916 | - |
| Veranderingen in reële waarde | 773 | 1 405 |
| Waardeverminderingen | -1 284 | -157 |
| Eerste consolidatie | - | 5 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | -179 | -8 |
| Per 31 december | 8 713 | 9 979 |
De financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop hebben in hoofdzaak betrekking op de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd, een vennootschap die genoteerd is op de beurs van Hongkong. Op deze deelneming werd een bijzondere waardevermindering van € 0,2 miljoen opgenomen in het resultaat in juni 2014. Sindsdien werd op dezelfde deelneming een toename in reële waarde (€ 1,4 miljoen) opgenomen in het eigen vermogen in overeenstemming met IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering'. Het bedrag in 'aanschaffingen' heeft vooral betrekking op Transportes Puelche Ltda, een deelneming aangehouden door Acma SA (Chili).
| Nettoboekwaarde | Vorderingen | Verplichtingen | ||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | 2013 | 2014 |
| Per 1 januari | 58 563 | 77 551 | 31 988 | 37 023 |
| Toename of afname via resultaat | -18 511 | 26 554 | -34 976 | 11 653 |
| Toename of afname via eigen vermogen | 500 | 732 | 1 875 | -1 355 |
| Eerste consolidatie | - | 10 487 | - | 24 580 |
| Uit consolidatie genomen | -1 467 | - | -37 | - |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | -3 808 | 5 745 | -4 101 | 2 154 |
| Saldering vorderingen en verplichtingen | 42 274 | -19 802 | 42 274 | -19 802 |
| Per 31 december | 77 551 | 101 267 | 37 023 | 54 253 |
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen zijn toe te wijzen aan de volgende rubrieken:
| Vorderingen Verplichtingen |
Nettovorderingen | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | 2013 | 2014 | 2013 | 2014 | ||
| Immateriële activa | 143 | 7 581 | 5 174 | 6 038 | -5 031 | 1 543 | ||
| Materiële vaste activa | 35 454 | 39 346 | 22 037 | 47 330 | 13 417 | -7 984 | ||
| Financiële vaste activa | 1 532 | 1 | 22 293 | 16 065 | -20 761 | -16 064 | ||
| Voorraden | 7 139 | 10 116 | 3 589 | 4 534 | 3 550 | 5 582 | ||
| Vorderingen | 8 299 | 8 072 | 73 | 261 | 8 226 | 7 811 | ||
| Andere vlottende activa | 284 | 258 | 1 605 | 8 292 | -1 321 | -8 034 | ||
| Voorzieningen voor | ||||||||
| personeelsbeloningen | 20 367 | 29 286 | 92 | 104 | 20 275 | 29 182 | ||
| Overige voorzieningen | 1 541 | 4 274 | 1 187 | 2 474 | 354 | 1 800 | ||
| Overige verplichtingen | 10 416 | 20 744 | 1 380 | 9 436 | 9 036 | 11 308 | ||
| Overdraagbare fiscaal | ||||||||
| aftrekbare verliezen, | ||||||||
| aftrekposten en | ||||||||
| terugvorderbare belastingen | 12 783 | 21 870 | - | - | 12 783 | 21 870 | ||
| Belastingvorderingen / - | ||||||||
| verplichtingen | 97 958 | 141 548 | 57 430 | 94 534 | 40 528 | 47 014 | ||
| Saldering vorderingen en | ||||||||
| verplichtingen | -20 407 | -40 281 | -20 407 | -40 281 | - | - | ||
| Nettobelastingvorderingen / - | ||||||||
| verplichtingen | 77 551 | 101 267 | 37 023 | 54 253 | 40 528 | 47 014 |
De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot materiële vaste activa komen voornamelijk voort uit tijdelijke verschillen, veroorzaakt door een verschil in gebruiksduur tussen IFRS en de fiscale boeken. De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot financiële vaste activa hebben voornamelijk te maken met tijdelijke verschillen die ontstaan uit niet-uitgekeerde winsten bij dochterondernemingen en joint ventures.
| Opgenomen | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| via winst-en | Opgenomen | Overnames | Omreke | |||
| 2013 | Per | verlies | via eigen | en | ningswinsten | Per |
| in duizend € | 1 januari | rekening | vermogen | afstotingen1 | en -verliezen | 31 december |
| Tijdelijke verschillen | ||||||
| Immateriële activa | -7 065 | 1 812 | - | - | 222 | -5 031 |
| Materiële vaste activa | -19 085 | 30 684 | - | 27 | 1 791 | 13 417 |
| Financiële vaste activa | -18 335 | -497 | -2 231 | - | 302 | -20 761 |
| Voorraden | 6 047 | -2 481 | - | -59 | 43 | 3 550 |
| Vorderingen | 11 085 | -2 661 | - | -3 | -195 | 8 226 |
| Andere vlottende activa | -5 085 | 3 711 | 30 | - | 23 | -1 321 |
| Voorzieningen voor personeels | ||||||
| beloningen | 23 207 | -2 745 | 826 | -130 | -883 | 20 275 |
| Overige voorzieningen | 611 | -195 | - | -3 | -59 | 354 |
| Overige verplichtingen | 5 446 | 3 925 | - | - | -335 | 9 036 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare | ||||||
| verliezen, aftrekposten en | ||||||
| terugvorderbare belastingen | 29 749 | -15 088 | - | -1 262 | -616 | 12 783 |
| Totaal | 26 575 | 16 465 | -1 375 | -1 430 | 293 | 40 528 |
| Opgenomen | Overnames | |||||
| via winst-en | Opgenomen | en | Omreke | |||
| 2014 | Per | verlies | via eigen | afstotingen1 | ningswinsten | Per |
| in duizend € | 1 januari | rekening | vermogen | en -verliezen | 31 december | |
| Tijdelijke verschillen | ||||||
| Immateriële activa | -5 031 | 1 679 | - | 5 510 | -615 | 1 543 |
| Materiële vaste activa | 13 417 | 2 200 | - | -24 487 | 886 | -7 984 |
| Financiële vaste activa | -20 761 | 3 833 | 1 066 | - | -202 | -16 064 |
| Voorraden | 3 550 | 1 433 | - | 1 101 | -502 | 5 582 |
| Vorderingen | 8 226 | -1 088 | - | 2 | 671 | 7 811 |
| Andere vlottende activa | ||||||
| Voorzieningen voor personeels | -1 321 | -6 628 | - | - | -85 | -8 034 |
| beloningen | 20 275 | 5 344 | 1 021 | 1 027 | 1 515 | 29 182 |
| Overige voorzieningen | 354 | -1 549 | - | 2 641 | 354 | 1 800 |
| Overige verplichtingen | 9 036 | 1 594 | - | 113 | 565 | 11 308 |
| Overdraagbare fiscaal aftrekbare | ||||||
| verliezen, aftrekposten en | ||||||
| terugvorderbare belastingen | 12 783 | 8 083 | - | - | 1 004 | 21 870 |
1 Heeft betrekking op de verkoop van de Geavanceerde filtratie activiteiten in 2013 en de bedrijfscombinaties in 2014 (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties').
| 2013 | Voor | Na | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | belastingen | Belastingen | belastingen |
| Omrekeningsverschillen | -86 105 | -1 904 | -88 009 |
| Inflatie-aanpassingen | 758 | - | 758 |
| Kasstroomafdekkingen | 854 | 30 | 884 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | 773 | -327 | 446 |
| Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen | 21 734 | 826 | 22 560 |
| Totaal | -61 986 | -1 375 | -63 361 |
| Voor | |||
| 2014 | Na | ||
| in duizend € | belastingen | Belastingen | belastingen |
| Omrekeningsverschillen | 92 868 | 1 355 | 94 223 |
| Inflatie-aanpassingen | 1 574 | - | 1 574 |
| Kasstroomafdekkingen | 755 | - | 755 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | 1 405 | -289 | 1 116 |
| Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen | -28 418 | 1 021 | -27 397 |
| Aandeel in de andere elementen van het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen |
-219 | - | -219 |
Er werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen met betrekking tot volgende aftrekbare elementen (brutowaarden):
| Verschil 2014 | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | - 2013 |
| Aftrekbare tijdelijke verschillen | 236 728 | 270 086 | 33 358 |
| Beleggingsverliezen | 34 254 | 14 781 | -19 473 |
| Operationele verliezen en aftrekposten | 717 923 | 829 911 | 111 988 |
| Totaal | 988 905 | 1 114 778 | 125 873 |
| in duizend € | Te vervallen binnen 1 jaar |
Te vervallen tussen 1 en 5 jaar |
Te vervallen na meer dan 5 jaar |
Niet vervallend |
Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Beleggingsverliezen | - | - | - | 14 781 | 14 781 |
| Operationele verliezen | 23 501 | 194 696 | 103 823 | 509 839 | 831 859 |
| Aftrekposten | - | 65 978 | - | 10 779 | 76 757 |
| Totaal | 23 501 | 260 674 | 103 823 | 535 399 | 923 397 |
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Grond- en hulpstoffen en wisselstukken | 192 818 | 223 367 |
| Goederen in bewerking en gereed product | 257 233 | 312 423 |
| Handelsgoederen | 89 214 | 105 017 |
| Voorraden | 539 265 | 640 807 |
| Handelsvorderingen | 583 215 | 707 569 |
| Ontvangen bankwissels | 110 218 | 114 117 |
| Betaalde voorschotten | 22 176 | 24 897 |
| Handelsschulden | -338 864 | -390 943 |
| Ontvangen voorschotten | -8 717 | -5 106 |
| Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid | -101 111 | -107 432 |
| Belastingen m.b.t. personeel | -13 346 | -9 298 |
| Operationeel werkkapitaal | 792 836 | 974 611 |
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Per 1 januari 898 344 |
792 836 |
| Organische toename of afname (-) -78 491 |
54 623 |
| Afwaarderingen en terugname van afwaarderingen 19 338 |
-4 364 |
| Eerste consolidatie - |
71 900 |
| Uit consolidatie genomen -1 140 |
- |
| Impact inflatieboekhouden 109 |
647 |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) -45 324 |
58 969 |
| Per 31 december 792 836 |
974 611 |
Het gemiddeld operationeel werkkapitaal vertegenwoordigde 26,7% van de omzet (2013: 26,5%).
Bijkomende informatie aangaande:
De kostprijs van verkopen bevat vervoer- en verhandelingskosten van gereed product voor € 151,6 miljoen (2013: € 136,1 miljoen), die nooit werden gekapitaliseerd in voorraden. De bewegingen in de voorraden omvatten nettoafwaarderingen in 2014 voor € 5,0 miljoen (2013: nettoterugname van afwaarderingen voor € 7,1 miljoen).
Er werden net als in 2013 geen voorraden verpand als waarborg voor leningen.
De volgende tabel stelt de bewegingen in waardeverminderingen op handelsvorderingen voor:
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -52 820 | -39 371 |
| Opgenomen verliezen in huidig jaar | -3 426 | -3 128 |
| Opgenomen verliezen in vorige jaren - aangewende bedragen | 1 406 | 807 |
| Opgenomen verliezen in vorige jaren - terugname van niet aangewende | ||
| bedragen | 14 123 | 2 933 |
| Eerste consolidatie | - | -8 |
| Uit consolidatie genomen | 55 | - |
| Omrekeningswinsten en verliezen (-) | 1 291 | -3 000 |
| Per 31 december | -39 371 | -41 767 |
In 2013 hebben de teruggenomen verliezen voornamelijk betrekking op vorderingen tegenover zaagdraadklanten in Pacifisch Azië die initieel afgewaardeerd werden in 2012.
De volgende tabel geeft verdere informatie omtrent waardeverminderingen en vervallen vorderingen:
| Handelsvorderingen en ontvangen bankwissels | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Brutoboekwaarde | 732 804 | 863 453 |
| Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen (afgewaardeerd) | -39 371 | -41 767 |
| Nettoboekwaarde | 693 433 | 821 686 |
| waarvan vervallen maar niet afgewaardeerd | ||
| bedrag | 110 422 | 97 669 |
| gemiddeld aantal dagen uitstaand | 90,0 | 98,3 |
Betreffende de handelsvorderingen die niet afgewaardeerd en niet vervallen zijn, zijn er geen aanwijzingen dat de debiteuren hun betalingsverplichtingen niet zullen nakomen. Voor meer informatie over kredietverbeteringstechnieken verwijzen wij naar toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 84 325 | 83 781 |
| Toename of afname | 8 337 | 10 517 |
| Waardeverminderingen en terugnemingen van waardeverminderingen | -746 | -158 |
| Eerste consolidatie | - | 6 134 |
| Uit consolidatie genomen | -299 | - |
| Herclassificeringen | -313 | - |
| Omrekeningswinsten en -verliezen | -7 523 | 6 353 |
| Per 31 december | 83 781 | 106 627 |
Overige vorderingen hebben voornamelijk betrekking op belastingen (€ 78,4 miljoen (2013: € 67,6 miljoen)). Verder omvatten de overige vorderingen een voorlopig geschatte verzekeringsvergoeding voor de brand in de vestiging Rome (Verenigde Staten) in 2014 (€ 15,9 miljoen) en sociale leningen aan personeel (€ 3.2 miljoen (2013: € 5.4 miljoen)).
| Nettoboekwaarde in duizend € |
2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 391 857 | 458 542 |
| Geldbeleggingen | 10 172 | 14 160 |
Voor de wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten: zie het geconsolideerd kasstroomoverzicht en toelichting 7.1. 'Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht'. Geldbeleggingen werden omgezet in kasequivalenten met het oog op de terugbetaling van de obligatielening van € 100 miljoen in maart 2015 en de betaling voor de acquisitie van de Pirelli-staalkoordfabrieken. Kasequivalenten en geldbeleggingen omvatten op de balansdatum geen marktgenoteerde schuldinstrumenten of eigenvermogensinstrumenten en worden zonder uitzondering geclassificeerd als leningen en vorderingen.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Leningen en financiële vorderingen op ten hoogste een jaar | 6 440 | 13 998 |
| Betaalde voorschotten | 22 176 | 24 897 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 13 565 | 18 213 |
| Overlopende rekeningen (actief) | 9 032 | 7 942 |
| Per 31 december | 51 213 | 65 050 |
De leningen en financiële vorderingen op ten hoogste een jaar hebben voornamelijk betrekking op leningen aan joint ventures in China (€ 1,0 miljoen) en Australië (€ 0,7 miljoen), op het kortlopende deel van de vordering uit de verkoop van de industriële deklagenactiviteiten in 2012 (€ 2,9 miljoen) en op verschillende kaswaarborgen (€ 8,4 miljoen). De derivaten hebben in hoofdzaak betrekking op CCIRS-overeenkomsten (€ 15,6 miljoen) en termijnwisselcontracten (€ 2,6 miljoen).
| Nettoboekwaarde 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Per 1 januari - |
2 096 |
| Toenames en afnames (-) 2 096 |
-2 096 |
| Per 31 december 2 096 |
- |
| 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Individuele materiële vaste activa 2 096 |
- |
| Totaal activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop 2 096 |
- |
| Groepen verplichtingen die worden afgestoten - |
- |
| Totaal verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als | |
| aangehouden voor verkoop - |
- |
In 2014 zijn er geen groepen activa of verplichtingen geclassificeerd als aangehouden voor verkoop op balansdatum. De individuele materiële vaste activa in 2013 die betrekking hadden op terreinen en gebouwen in België, werden verkocht in 2014.
| 2013 | 2014 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Geplaatst kapitaal | Nominale | Nominale | |||
| in duizend € | waarde Aantal aandelen | waarde Aantal aandelen | |||
| 1 | Per 1 januari | 176 586 | 60 000 942 | 176 773 | 60 063 871 |
| Bewegingen van het jaar | |||||
| Uitgifte van nieuwe aandelen | 187 | 62 929 | 141 | 47 534 | |
| Per 31 december | 176 773 | 60 063 871 | 176 914 | 60 111 405 | |
| 2 | Structuur | ||||
| 2.1 | Soorten aandelen | ||||
| Gewone aandelen zonder nominale waarde | 176 773 | 60 063 871 | 176 914 | 60 111 405 | |
| 2.2 | Aandelen op naam | 1 721 925 | 1 722 615 | ||
| Gedematerialiseerde aandelen | 58 302 193 | 58 353 432 | |||
| Te dematerialiseren aandelen | 39 753 | 35 358 | |||
| Toegestaan niet-geplaatst kapitaal | 175 739 | 152 176 |
In totaal werden 47 534 warrants uitgeoefend in 2014 in het kader van het SOP1-aandelenoptieplan en het SOP 2005-2009-aandelenoptieplan, wat geresulteerd heeft in de uitgifte van 47 534 nieuwe aandelen van de onderneming.
Bovenop de 1 652 677 aandelen die de onderneming in portefeuille had per 31 december 2013, kocht de onderneming 2 622 333 eigen aandelen in, in de loop van 2014. In 2014 werd geen van deze aandelen verkocht in het kader van een aandelenoptieplan of vernietigd. Bijgevolg had de onderneming een totaal van 4 275 010 eigen aandelen in bezit per 31 december 2014.
In onderstaande tabellen zijn de details van de aandelenoptieplannen weergegeven die hetzij op de balansdatum, hetzij op de vorige balansdatum nog een uitstaand saldo vertoonden:
| Aantal warrants | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Datum van uitgifte van warrants |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
| 14.07.2000 | 12.09.2000 | 26.09.2000 | 18,000 | 319 941 | 317 481 | 2 460 | - | 01.06 - 15.06.2004 |
22.05 - 15.06.2013 |
| 13.07.2001 | 11.09.2001 | 26.09.2001 | 13,980 | 418 917 | 416 499 | 2 418 | - | 22.05 - 30.06.2005 |
22.05 - 15.06.2014 |
| 12.07.2002 | 10.09.2002 | 25.09.2002 | 15,825 | 106 152 | 104 712 | 720 | 720 | 22.05 - 30.06.2006 |
22.05 - 15.06.2015 |
| 11.07.2003 | 09.09.2003 | 06.10.2003 | 13,630 | 100 740 | 100 740 | - | - | 22.05 - 30.06.2007 |
22.05 - 15.06.2013 |
| 09.07.2004 | 07.09.2004 | 30.09.2004 | 15,765 | 502 182 | 502 179 | 3 | - | 22.05 - 30.06.2008 |
22.05 - 15.06.2014 |
| 1 447 932 | 1 441 611 | 5 601 | 720 |
| Aantal opties | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
| 22.05 - | 15.11 - | |||||||
| 21.12.2006 | 19.02.2007 | 30,175 | 37 500 | 27 500 | - | 10 000 | 30.06.2010 | 15.12.2021 |
| 22.05 - | 15.11 - | |||||||
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 28,335 | 12 870 | 12 690 | - | 180 | 30.06.2011 | 15.12.2017 |
| 22.05 - | 15.11 - | |||||||
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 28,335 | 30 630 | 11 310 | - | 19 320 | 30.06.2011 | 15.12.2022 |
| 22.05 - | 15.11 - | |||||||
| 18.12.2008 | 16.02.2009 | 16,660 | 64 500 | - | - | 64 500 | 30.06.2012 | 15.12.2018 |
| 22.05 - | 15.11 - | |||||||
| 17.12.2009 | 15.02.2010 | 33,990 | 49 500 | - | - | 49 500 | 30.06.2013 | 15.12.2019 |
| 195 000 | 51 500 | - | 143 500 | |||||
| Aantal warrants | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Datum van uitgifte van warrants |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 22.12.2005 | 20.02.2006 | 22.03.2006 | 23,795 | 190 698 | 180 567 | 15 | 10 116 | 30.06.2009 | 15.12.2020 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 21.12.2006 | 19.02.2007 | 22.03.2007 | 30,175 | 153 810 | 143 540 | - | 10 270 | 30.06.2010 | 15.12.2021 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 22.04.2008 | 28,335 | 14 100 | 2 100 | 9 900 | 2 100 | 30.06.2011 | 15.12.2017 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 20.12.2007 | 18.02.2008 | 22.04.2008 | 28,335 | 215 100 | 85 650 | 12 700 | 116 750 | 30.06.2011 | 15.12.2022 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 18.12.2008 | 16.02.2009 | 20.10.2009 | 16,660 | 288 150 | 110 350 | 19 500 | 158 300 | 30.06.2012 | 15.12.2018 |
| 22.05 - | 15.11 - | ||||||||
| 17.12.2009 | 15.02.2010 | 08.09.2010 | 33,990 | 225 450 | - | 33 600 | 191 850 | 30.06.2013 | 15.12.2019 |
| 1 087 308 | 522 207 | 75 715 | 489 386 |
| Aantal opties | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Uitoefen prijs (in €) |
Toege kend |
Uitge oefend |
Verbeurd verklaard |
Uitstaand | Eerste uitoefen periode |
Laatste uitoefen periode |
|
| 16.12.2010 | 14.02.2011 | 77,000 | 360 925 | - | 46 000 | 314 925 | 28.02 - 13.04.2014 |
Medio nov.- 15.12.2020 |
|
| 22.12.2011 | 20.02.2012 | 25,140 | 287 800 | - | 2 600 | 285 200 | 27.02. - 12.04.2015 |
Medio nov. - 21.12.2021 |
|
| 20.12.2012 | 18.02.2013 | 19,200 | 267 200 | - | 2 700 | 264 500 | Eind feb. - 10.04.2016 |
Medio nov. - 19.12.2022 |
|
| 29.03.2013 | 28.05.2013 | 21,450 | 260 000 | - | - | 260 000 | Eind feb. - 09.04.2017 |
Eind feb. - 28.03.2023 |
|
| 19.12.2013 | 17.02.2014 | 25,380 | 373 450 | - | - | 373 450 | Eind feb. - 09.04.2017 |
Medio nov. - 18.12.2023 |
|
| 1 549 375 | - | 51 300 | 1 498 075 |
| 2013 | 2014 | |||
|---|---|---|---|---|
| Gewogen | Gewogen | |||
| gemiddelde | gemiddelde | |||
| uitoefenprijs | uitoefenprijs | |||
| Aandelenoptieplan SOP1 | Aantal warrants | (in €) | Aantal warrants | (in €) |
| Uitstaand op 1 januari | 21 749 | 15,977 | 14 254 | 15,664 |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -7 495 | 16,573 | -13 534 | 15,655 |
| Uitstaand op 31 december | 14 254 | 15,664 | 720 | 15,825 |
| 2013 | 2014 | |||
|---|---|---|---|---|
| Gewogen | Gewogen | |||
| gemiddelde | gemiddelde | |||
| uitoefenprijs | uitoefenprijs | |||
| Aandelenoptieplan SOP2 | Aantal opties | (in €) | Aantal opties | (in €) |
| Uitstaand op 1 januari | 143 500 | 25,166 | 143 500 | 25,166 |
| Uitstaand op 31 december | 143 500 | 25,166 | 143 500 | 25,166 |
| 2013 | 2014 | |||
|---|---|---|---|---|
| Gewogen | Gewogen | |||
| gemiddelde | gemiddelde | |||
| uitoefenprijs | uitoefenprijs | |||
| Aandelenoptieplan SOP 2005-2009 | Aantal warrants | (in €) | Aantal warrants | (in €) |
| Uitstaand op 1 januari | 597 435 | 25,441 | 523 401 | 26,068 |
| Verbeurd verklaard gedurende het jaar | -18 600 | 33,990 | -15 | 23,795 |
| Uitgeoefend gedurende het jaar | -55 434 | 16,660 | -34 000 | 16,678 |
| Uitstaand op 31 december | 523 401 | 26,068 | 489 386 | 26,720 |
| 2013 | 2014 | |||
|---|---|---|---|---|
| Gewogen | Gewogen | |||
| gemiddelde | gemiddelde | |||
| uitoefenprijs | uitoefenprijs | |||
| Aandelenoptieplan SOP 2010-2014 | Aantal opties | (in €) | Aantal opties | (in €) |
| Uitstaand op 1 januari | 638 725 | 53,633 | 1 160 625 | 38,640 |
| Toegekend gedurende het jaar | 527 200 | 20,310 | 373 450 | 25,380 |
| Verbeurd verklaard gedurende het jaar | -5 300 | 22,114 | -36 000 | 77,000 |
| Uitstaand op 31 december | 1 160 625 | 38,640 | 1 498 075 | 34,413 |
| Gewogen gemiddelde resterende contractuele looptijd | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in jaren | 2013 | 2014 | ||||
| SOP1 | 0,5 | 0,5 | ||||
| SOP2 | 5,7 | 4,7 | ||||
| SOP 2005-2009 | 6,3 | 5,4 | ||||
| SOP 2010-2014 | 8,2 | 7,7 |
In 2014 was de gewogen gemiddelde aandelenkoers op de uitoefendatum € 27,82 voor de SOP1-warrants (2013: € 23,49), niet van toepassing voor de SOP2-opties (2013: niet van toepassing) en € 27,45 voor de SOP 2005- 2009-warrants (2013: € 27,23). De uitoefenprijs van de warrants en opties is gelijk aan het laagste van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de moedervennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die het aanbod voorafgaan en (ii) de laatste slotkoers die voorafgaat aan de dag van het aanbod. Wanneer de warrants onder het SOP1-plan of het SOP 2005-2009-plan uitgeoefend worden, wordt het eigen vermogen verhoogd met de ontvangen opbrengsten. Volgens de voorwaarden van de SOP1- en SOP2-plannen waren alle tot in 2004 toegekende warrants of opties onmiddellijk verworven.
Onder de voorwaarden van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 werden opties tot het verwerven van bestaande aandelen van de onderneming aangeboden aan de leden van het Bekaert Group Executive, de Senior Vice Presidents en een aantal hogere kaderleden gedurende de periode 2010-2014. De toekenningsdata van elk aanbod zijn gepland in de periode 2011-2015. De uitoefenprijs van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 wordt op dezelfde manier bepaald als de voorgaande plannen. De toezeggingsvoorwaarden van zowel de SOP 2010- 2014-toekenningen, de SOP2005-2009-toekenningen als de SOP2-toekenningen vanaf 2006 zijn zo opgesteld dat de warrants of opties volledig verworven zullen zijn op 1 januari van het vierde jaar na de datum van het aanbod. In het kader van de Economische Herstelwet van 27 maart 2009 werd de uitoefenperiode van de SOP2 opties en de SOP 2005-2009-warranten toegekend in 2006, 2007 en 2008 met vijf jaar verlengd in het voordeel
van begunstigden die onderworpen waren aan de Belgische inkomstenbelastingen op het ogenblik dat de verlenging werd aangeboden. De toename in reële waarde toegekend als gevolg van de verlengde uitoefenperiode bedraagt € 0,3 miljoen.
De opties toegekend onder SOP2 en SOP 2010-2014 en de warrants toegekend onder SOP 2005-2009 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). De reële waarde van de opties wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel. Inputs en uitkomsten van het optiewaarderingsmodel worden hieronder gedetailleerd:
| Optiewaarderingsmodel | Toegekend in februari 2013 |
Toegekend in mei 2013 |
Toegekend in februari 2014 |
Toegekend in februari 20151 |
|---|---|---|---|---|
| Inputs van het model | ||||
| Aandelenkoers op toekenningsdatum | ||||
| (in €) | 22,02 | 23,45 | 27,32 | 25,65 |
| Uitoefenprijs (in €) | 19,20 | 21,45 | 25,38 | 26,06 |
| Verwachte volatiliteit | 39% | 39% | 39% | 39% |
| Verwacht dividendrendement | 3,0% | 3,0% | 3,0% | 3,0% |
| Wachtperiode (jaren) | 3 | 3 | 3 | 3 |
| Contractduur (jaren) | 10 | 10 | 10 | 10 |
| Uitstroom van personeel | 3% | 3% | 3% | 3% |
| Risicovrije rentevoet | 0,9% | 1,7% | 1,0% | 0,05% |
| Uitoefenfactor | 1,40 | 1,40 | 1,40 | 1,40 |
| Uitkomst van het model | ||||
| Reële waarde (in €) | 6,76 | 7,96 | 7,96 | 6,71 |
1 Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.
Het model houdt rekening met een vervroegde uitoefening door middel van een uitoefenfactor. Een uitoefenfactor van 1,40 staat voor de veronderstelling dat de begunstigden de opties en warrants uitoefenen na de wachtperiode zodra de aandelenkoers de uitoefenprijs 40% overschrijdt (gemiddeld).
In de loop van 2014 werden 373 450 opties (2013: 527 200) toegekend onder SOP 2010-2014 met een reële waarde van € 7,96 (2013: gewogen gemiddelde reële waarde van € 7,35) per eenheid. De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 2,8 miljoen (2013: € 4,4 miljoen) op basis van een lineaire afschrijving van de reële waarde van de opties en warrants toegekend gedurende de laatste drie jaar.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Afdekkingsreserve | -623 | 132 |
| Herwaarderingsreserve voor financiële activa beschikbaar voor verkoop | 693 | 2 098 |
| Herwaarderingen van toegezegdpensioenregelingen | -52 076 | -79 146 |
| Overige herwaarderingsreserves | -5 894 | -16 905 |
| Uitgestelde belastingen opgenomen in het eigen vermogen | 28 014 | 29 722 |
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 19 343 | 22 188 |
| Eigen aandelen | -73 851 | -145 953 |
| Overige reserves | -84 394 | -187 864 |
| Gecumuleerde omrekeningsverschillen | -84 776 | -6 149 |
| Totaal overige Groepsreserves | -169 170 | -194 013 |
| Overgedragen resultaten | 1 307 618 | 1 352 197 |
De bewegingen in de diverse elementen van de reserves zijn als volgt:
| Afdekkingsreserve 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Per 1 januari -1 477 |
-623 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening -3 035 |
8 651 |
| Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten 3 889 |
-7 896 |
| Per 31 december -623 |
132 |
| Waarvan | |
| Cross-currency interest-rate swaps (op euro-obligatieleningen) -623 |
132 |
Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten die worden aangemerkt als effectieve kasstroomafdekkingen worden elk kwartaal berekend en rechtstreeks in het eigen vermogen opgenomen. In overeenstemming met de IFRS-voorschriften voor hedge accounting met betrekking tot kasstroomafdekkingen worden de wisselresultaten als gevolg van de omrekening van de onderliggende schulden tegen slotkoers gecompenseerd door de betrokken bedragen elk kwartaal over te boeken van de afdekkingsreserve naar de winst-enverliesrekening.
| Herwaarderingsreserve voor financiële activa beschikbaar voor verkoop 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Per 1 januari 10 |
693 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening -10 |
157 |
| Wijzigingen in reële waarde 693 |
1 248 |
| Per 31 december 693 |
2 098 |
| Waarvan | |
| Participatie in Shougang Concord Century Holdings Ltd 596 |
2 001 |
| Andere 97 |
97 |
De herwaardering van de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd is gebaseerd op de slotkoers op de beurs van Hongkong. In 2014 werd een bedrag van € 0,2 miljoen overgeboekt naar de winst-enverliesrekening als gevolg van een bijzondere waardevermindering.
Herwaarderingen van toegezegdpensioenregelingen
| 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Per 1 januari -72 599 |
-52 076 |
| Herwaarderingen van de periode 20 747 |
-27 742 |
| Inflatie-effecten -224 |
-269 |
| Wijzigingen in Groepstructuur | - 941 |
| Per 31 december -52 076 |
-79 146 |
De herwaarderingen resulteren uit het gebruik van gewijzigde actuariële veronderstellingen bij de bepaling van de toegezegdpensioenverplichtingen en uit verschillen tegenover de werkelijke rendementen van fondsbeleggingen op de balansdatum (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen').
| 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Per 1 januari -5 894 |
-5 894 |
| Wijzigingen in Groepstructuur - |
-2 811 |
| Put- optie op aankoop minderheidsbelangen - |
-8 200 |
| Per 31 december -5 894 |
-16 905 |
De wijzigingen in Groepstructuur in 2014 hebben betrekking op de verkoop van minderheidsbelangen in Ideal Alambrec SA (Ecuador) aan ArcelorMittal.
Als onderdeel van de initiële boekhoudkundige verwerking van de bedrijfscombinatie met Maccaferri (zie toelichting 7.2 'Effect van nieuwe bedrijfscombinaties') werd een schuld van € 8,2 miljoen opgenomen tegenover eigen vermogen. Deze schuld vertegenwoordigt de initiële reële waarde van de schuld voortvloeiend uit de putoptie toegekend aan Maccaferri op hun resterende minderheidsbelangen in Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA.
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 29 417 | 28 014 |
| Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat | -1 479 | 1 844 |
| Inflatie-effecten | 76 | 92 |
| Wijzigingen in Groepstructuur | - | -228 |
| Per 31 december | 28 014 | 29 722 |
Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat worden eveneens opgenomen in het eigen vermogen (zie toelichting 6.6. 'Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen').
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in duizend € |
2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 14 987 | 19 343 |
| Toegekende eigenvermogensinstrumenten | 4 356 | 2 845 |
| Per 31 december | 19 343 | 22 188 |
Opties toegekend onder het SOP2 en SOP 2010-2014 aandelenoptieplan en warrants toegekend onder het SOP 2005-2009-aandelenoptieplan (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties') worden verwerkt als in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2, 'Op aandelen gebaseerde betalingen'.
| Eigen aandelen in duizend € |
2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -58 577 | -73 851 |
| Ingekochte aandelen | -15 274 | -72 102 |
| Per 31 december | -73 851 | -145 953 |
In 2014 lanceerde de onderneming twee aandeleninkoopprogramma's op de beurs (1) 1 868 033 van de eigen aandelen werden aangekocht tussen juni en september om verwatering door de uitgifte van de converteerbare obligatielening in juni tegen te gaan; (2) 754 300 van de eigen aandelen werden in november en december aangekocht om te anticiperen op de uitoefening van opties toegekend onder de optieplannen (zie toelichting 6.12 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties').
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | -16 087 | -84 776 |
| Omrekeningsverschillen op goedgekeurde dividenden | -21 153 | -5 606 |
| Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening in verband met afgestoten | ||
| entiteiten of gefaseerde overnames | -463 | 1 042 |
| Bewegingen ontstaan uit wisselkoersfluctuaties | -47 073 | 83 191 |
| Per 31 december | -84 776 | -6 149 |
| Waarvan gerelateerd aan entiteiten met volgende functionele valuta's | ||
| Chinese renminbi | 72 086 | 123 304 |
| US dollar | -6 707 | 15 994 |
| Braziliaanse real | -109 414 | -107 398 |
| Chileense peso | -311 | -1 677 |
| Venezolaanse bolivar | -37 342 | -38 307 |
| Indische roepie | -9 141 | -5 620 |
| Tsjechische kroon | 6 950 | 6 587 |
| Andere valuta's | -897 | 968 |
De schommelingen in omrekeningsverschillen weerspiegelen zowel de wisselkoersevolutie als het relatief gewicht van de nettoactiva opgenomen in de vermelde valuta's.
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Per 1 januari | 181 623 | 157 600 |
| Wijzigingen in Groepstructuur | -74 | 25 988 |
| Aandeel in het perioderesultaat | 11 498 | 378 |
| Aandeel in andere elementen van het resultaat behalve CTA | -604 | -338 |
| Uitgekeerde dividenden | -12 960 | -54 663 |
| Kapitaalverhogingen | - | 53 399 |
| Herklasseringen | -7 171 | - |
| Omrekeningswinsten en -verliezen (-) | -14 712 | 17 057 |
| Per 31 december | 157 600 | 199 421 |
In 2014 komen de wijzigingen in Groepstructuur voornamelijk voort uit de bedrijfscombinaties met ArcelorMittal (€ 11,2 miljoen), omwille van minderheidsbelangen van 42% die ontstaan in de nieuwe entiteiten in Costa Rica en de verhoging in minderheidsbelangen van 20% naar 42% in de bestaande entiteit in Ecuador. De
bedrijfscombinaties met Pirelli (€ 9,2 miljoen) en Maccaferri (€ 2,8 miljoen) resulteerden eveneens in belangrijke toenames.
Het aandeel in het perioderesultaat werd ongunstig beïnvloed door bijzondere waardeverminderingen in Maleisië en opstartverliezen in Costa Rica, terwijl in het algemeen lagere winsten werden geboekt in Latijns-Amerika. De uitgekeerde dividenden door Inchalam SA en Prodalam SA werden door de Chileense partners aangewend om kapitaalsverhogingen ten belope van € 40,5 miljoen te financieren in Acma Inversiones SA, Prodinsa SA en Procables Wire Ropes SA. Deze kapitaalsverhogingen maken deel uit van een portfolioherschikking geïnitieerd in 2014, waarbij Bekaert begin 2015 zijn aandeel in de kabelactiviteiten in Chili, Peru en Canada zou verhogen van 52% tot 65% (zie toelichting 7.6 'Gebeurtenissen na balansdatum').
In overeenstemming met IFRS 12, 'Informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten', wordt volgende informatie verschaft met betrekking tot dochterondernemingen waarin derden minderheidsbelangen aanhouden die van materieel belang zijn voor de Groep. De bedoeling van IFRS 12 is om van een onderneming bijkomende toelichtingen te vereisen die de lezers van haar jaarrekening toelaten volgende elementen te evalueren: (a) de aard van haar belangen in andere ondernemingen en de daaraan verbonden risico's en (b) de effecten van deze belangen op haar financiële positie, winstgevendheid en kasstromen. Om tegemoet te komen aan deze vereiste, heeft de Groep ervoor gekozen om alle Latijns-Amerikaanse dochterondernemingen te groeperen waarin derden minderheidsbelangen aanhouden. De belangrijkste reden voor deze groepering is dat de Groep vele partnerschappen heeft in Latijns-Amerika, via een veelheid van legale entiteiten, waarvan vele op zich niet genoeg belang hebben om toe te lichten, maar die in totaal 60% uitmaken van de gecumuleerde minderheidsbelangen van de Groep. Bij de groepering van deze informatie werden enkel de intragroepseffecten tussen de opgelijste Latijns-Amerikaanse dochterondernemingen geëlimineerd, terwijl alle andere entiteiten van de Groep als derden werden behandeld.
| Dochterondernemingen in Latijns-Amerika waarin derden minderheidsbelangen aanhouden |
Aandeel van minderheidsbelangen op jaareinde |
||
|---|---|---|---|
| Land | 2013 | 2014 | |
| Acma Inversiones SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Acma SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Acmanet SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Industrias Acmanet limitada | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Procables Wire Ropes SA | Chili | - | 48,0% |
| Procercos SA | Chili | - | 48,0% |
| Prodalam SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Prodinsa SA | Chili | 48,0% | 48,0% |
| Productora de Alambres Colombianos - Proalco SAS | Colombia | 20,0% | 20,0% |
| Bekaert Costa Rica SA | Costa Rica | 19,8% | 41,6% |
| BIA Alambres Costa Rica SA | Costa Rica | - | 41,6% |
| Ideal Alambrec SA | Ecuador | 20,0% | 41,6% |
| Impala SA | Panama | 48,0% | 48,0% |
| Productos de Acero Cassadó SA | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Prodac Contrata SAC | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Prodac Selva SAC | Peru | 62,5% | 62,5% |
| Procables SA | Peru | 50,0% | 50,0% |
| InverVicson SA | Venezuela | 20,0% | 20,0% |
| Vicson SA | Venezuela | 20,0% | 20,0% |
Vicson SA (Venezuela) is gebonden aan beperkingen op de repatriatie van geldmiddelen vanwege de regulering van deviezenverkeer in Venezuela.
De voornaamste activiteit van de belangrijkste entiteiten hierboven opgesomd is de productie en verkoop van draad, kabel en andere draadproducten, hoofdzakelijk voor de lokale markt. Volgende entiteiten zijn in wezen holdings, met belangen in een of meerdere andere entiteiten uit bovenstaande lijst: Acma Inversiones SA, Industrias Acmanet limitada, Procables Wire Ropes SA, Procercos SA en Impala SA.
| Perioderesultaat | ||||
|---|---|---|---|---|
| toerekenbaar aan minderheidsbelangen |
Eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen |
|||
| in duizend € | 2013 | 2014 | 2013 | 2014 |
| Dochterondernemingen in Latijns-Amerika waarin derden | ||||
| minderheidsbelangen aanhouden | 11 045 | 5 989 | 106 124 | 124 940 |
| Dochterondernemingen in Latijns-Amerika waarin derden minderheidsbelangen aanhouden |
||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Vlottende activa | 264 583 | 334 908 |
| Vaste activa | 193 319 | 238 381 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 178 745 | 256 115 |
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 51 222 | 60 234 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep | 121 811 | 132 000 |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan | ||
| minderheidsbelangen | 106 124 | 124 940 |
Per 31 december 2014 bedroegen de totale nettovoorzieningen voor personeelsbeloningen € 297,7 miljoen (€ 257,7 miljoen per jaareinde 2013), met volgende samenstelling:
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Voorzieningen voor | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | 134 089 | 169 651 |
| Andere langetermijnpersoneelsbeloningen | 2 418 | 2 779 |
| In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 1 333 | 1 675 |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 101 111 | 107 432 |
| Ontslagvergoedingen | 18 768 | 16 170 |
| Totaal voorzieningen in de balans | 257 719 | 297 707 |
| waarvan | ||
| Verplichtingen op meer dan een jaar | 136 602 | 175 774 |
| Verplichtingen op ten hoogste een jaar | 121 117 | 121 933 |
| Activa voor | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | - | -21 |
| Totaal activa in de balans | - | -21 |
| Totaal nettovoorzieningen | 257 719 | 297 686 |
In overeenstemming met IAS 19, 'Personeelsbeloningen', worden vergoedingsregelingen na uitdiensttreding opgedeeld in toegezegdebijdragenregelingen en toegezegdpensioenregelingen.
Bij toegezegdebijdragenregelingen of defined-contribution (DC) plans betaalt Bekaert bijdragen aan publieke of private pensioenfondsen of aan verzekeringsmaatschappijen. Eenmaal de bijdragen zijn betaald, heeft de Groep geen verdere betalingsverplichtingen. Deze bijdragen worden ten laste genomen van de periode waarin de verplichting ontstaat.
De Belgische toegezegdebijdragenregelingen voor pensioenen zijn bij wet onderworpen aan gewaarborgde minimumrendementen, momenteel 3,25 % voor de werkgeversbijdragen (na kosten) en 3,75 % voor de werknemersbijdragen. Die rendementen, die gelden als een gemiddelde over de volledige loopbaan van de werknemer, kunnen worden aangepast door een Koninklijk Besluit. In dat geval zullen de nieuwe minima worden toegepast op zowel de gecumuleerde bijdragen van het verleden als op de toekomstige bijdragen vanaf de datum van aanpassing. Deze regelingen die gefinancieerd zijn door groepsverzekeringen, werden in wezen verwerkt als toegezegdebijdragenregelingen onder IAS 19. Op balansdatum werd echter een verplichting van € 0,01 miljoen opgenomen, zijnde het positief verschil tussen de gewaarborgde minimumreserves en de actuele gecumuleerde reserves. De lopende groepsverzekeringsplannen waarvoor nog bijdragen zullen worden betaald, beschikken over individuele reserves ten belope van € 51,9 miljoen op balansdatum. Op 31 december 2014 hebben deze plannen een gewogen gemiddeld gewaarborgd rendement van 3,42 %.
In Nederland neemt Bekaert deel aan een collectieve toegezegdpensioenregeling van meerdere werkgevers die gefinancierd wordt via het Pensioenfonds Metaal & Techniek. Deze regeling wordt geclassificeerd als toegezegdebijdragenregeling omdat er geen informatie beschikbaar is met betrekking tot de fondsbeleggingen toerekenbaar aan Bekaert. De bijdragen met betrekking tot deze regeling bedroegen € 0,8 miljoen (2013: € 0,7 miljoen).
| Toegezegdebijdragenregelingen 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Opgenomen kosten 13 476 |
12 304 |
Daarvan was € 4,7 miljoen voor Belgische pensioenplannen (2013: € 5,9 miljoen).
Meerdere ondernemingen van de Groep voorzien in toegezegdpensioenregelingen of defined-benefit (DB) plans voor pensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding. Dergelijke regelingen gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op hun bezoldiging en aantal dienstjaren.
De recentste actuariële waarderingen onder IAS 19 daterend van 31 december 2014 werden voor alle significante toegezegdpensioenregelingen na uitdiensttreding uitgevoerd door onafhankelijke actuarissen. In België en de
Verenigde Staten bevinden zich de belangrijkste toegezegdpensioenregelingen voor de Groep. Zij vertegenwoordigen 83,6 % (2013: 85,7 %) van de brutoverplichtingen en 99,7 % (2013: 99,8 %) van de fondsbeleggingen van de Groep.
De pensioenregelingen vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 114,2 miljoen (2013: € 98,2 miljoen) en € 93,1 miljoen activa (2013: € 84,4 miljoen). Ze voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering en in geval van overlijden of invaliditeit voorafgaand aan pensionering. Deze regelingen worden extern gefinancierd door twee instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP) in eigen beheer. Op regelmatige basis wordt een Asset Liability Matching (ALM) studie uitgevoerd, waarin de gevolgen van strategische investeringsrichtlijnen worden geanalyseerd in termen van risico-en-rendementsprofielen. Uit deze studie worden de investeringsprincipes en het financieringsbeleid afgeleid. Het is de bedoeling de beleggingen afdoende te diversifiëren teneinde het risico onder controle te houden. De investerings- en aansprakelijkheidsrisico's worden op kwartaalbasis opgevolgd. De financieringspolitiek heeft als doel om minstens volledig gefinancierd te zijn in termen van statutaire minimumvereisten (dit is een voorzichtige schatting van de pensioenverplichtingen).
Andere regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op brugpensioenen (brutoverplichting € 28,8 miljoen (2013: € 32,4 miljoen)), die niet extern zijn gefinancierd. Een bedrag van € 8,6 miljoen (2013: € 8,3 miljoen) heeft betrekking op werknemers in actieve dienst die nog geen brugpensioenovereenkomst hebben afgesloten.
De pensioenregelingen vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 134,7 miljoen (2013: € 97,9 miljoen) en € 84,5 miljoen activa (2013: € 64,7 miljoen) en zijn extern gefinancierd. De plannen voorzien in levenslange rentebetalingen aan de deelnemers, maar werden gesloten voor nieuwe deelnemers. De activa zijn geïnvesteerd in obligaties en in aandelen. Op basis van een Asset Liability Matching studie werd de allocatie van de activa verschoven naar meer obligaties met langere looptijd. De financieringspolitiek is erop gericht om voldoende gefinancierd te zijn in termen van de vereisten van de Pension Protection Act, om te vermijden dat er uitkeringsbeperkingen van kracht worden of dat de regelingen een at risk-status verwerven.
Andere regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op medische zorgen (brutoverplichting € 5,2 miljoen (2013: € 4,8 miljoen)), die niet extern gefinancierd zijn.
Volgende bedragen werden opgenomen in de balans:
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| België | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 98 199 | 114 166 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -84 448 | -93 145 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 13 751 | 21 021 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 38 874 | 32 154 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 52 625 | 53 175 |
| Verenigde Staten | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 97 901 | 134 726 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -64 655 | -84 489 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 33 246 | 50 237 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 7 902 | 9 611 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 41 148 | 59 848 |
| Andere | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 437 | 868 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -225 | -512 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 212 | 356 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 40 104 | 56 251 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 40 316 | 56 607 |
| Totaal | ||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | 196 537 | 249 760 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | -149 328 | -178 146 |
| Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen | 47 209 | 71 614 |
| Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen | 86 880 | 98 016 |
| Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen | 134 089 | 169 630 |
De evolutie van de brutoverplichting, de fondsbeleggingen en de nettovoorziening en -vordering over het jaar zijn als volgt:
| verplichting beleggingen vorderingen (-) in duizend € Per 1 januari 2013 328 008 -160 113 167 896 Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten 10 812 - 10 812 Pensioenkosten van verstreken diensttijd -16 - -16 Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen 1 094 - 1 094 Rentelasten / -opbrengsten (-) 11 054 -5 309 5 746 Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat 22 943 -5 309 17 635 Componenten opgenomen in EBIT 11 889 Componenten opgenomen in het financieel resultaat 5 746 Herwaarderingen Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering van bedragen opgenomen in de rentelasten / -opbrengsten (-) - -5 518 -5 518 Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische assumpties 205 - 205 Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële assumpties -15 680 - -15 680 Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen -741 - -741 Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen -16 216 -5 518 -21 734 Bijdragen Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen - -22 752 -22 752 Werknemersbijdragen 135 -135 - Uitbetalingen van het plan Uitbetaalde vergoedingen -26 461 26 461 - Vergoedingen bij afwikkeling -14 361 14 361 - Afstotingen -1 062 623 -439 Effecten van omrekening van vreemde valuta -9 567 3 051 -6 516 Per 31 december 2013 283 419 -149 330 134 089 Per 1 januari 2014 283 419 -149 330 134 089 Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten 10 777 - 10 777 Pensioenkosten van verstreken diensttijd 2 203 - 2 203 Rentelasten / -opbrengsten (-) 11 130 -5 856 5 274 Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat 24 110 -5 856 18 254 Componenten opgenomen in EBIT 12 980 Componenten opgenomen in het financieel resultaat 5 274 Herwaarderingen Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering van bedragen opgenomen in de rentelasten / -opbrengsten (-) - -10 288 -10 288 Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische assumpties 7 699 - 7 699 Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële assumpties 30 134 - 30 134 Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen 873 - 873 Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen 38 706 -10 288 28 418 Bijdragen Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen - -28 482 -28 482 Werknemersbijdragen 132 -132 - Uitbetalingen van het plan Uitbetaalde vergoedingen -25 722 25 722 - Acquisities 8 991 - 8 991 Effecten van omrekening van vreemde valuta 18 140 -9 779 8 360 Per 31 december 2014 347 776 -178 146 169 630 |
Netto | ||
|---|---|---|---|
| Bruto | Fonds | voorzieningen/ | |
De pensioenkosten van verstreken diensttijd hebben voornamelijk betrekking op gezondheidszorgregelingen na uitdiensttreding in Ecuador. In de winst-en-verliesrekening worden zowel de pensioenkosten toegerekend aan het dienstjaar als van verstreken diensttijd, inclusief de winsten en verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT). De nettorentelast of -opbrengst maakt deel uit van de rentelasten, onder rentegedeelte van rentedragende voorzieningen.
Restitutierechten voortkomend uit herverzekeringscontracten met betrekking tot pensioenen, overlijdens- en invaliditeitsvergoedingen in Duitsland bedragen € 0,3 miljoen (2013: € 0,3 miljoen).
Voor 2015 worden volgende bijdragen en uitbetaalde vergoedingen verwacht:
| Verwachte bijdragen en uitbetaalde vergoedingen | |||
|---|---|---|---|
| -- | -- | -- | ------------------------------------------------- |
| in duizend € | 2015 |
|---|---|
| Pensioenregelingen | 25 955 |
| Totaal | 25 955 |
De reële waarde van de fondsbeleggingen per 31 december was als volgt samengesteld:
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| België | ||
| Obligaties | ||
| Euro staatsobligaties | 20 421 | 15 093 |
| Euro bedrijfsobligaties | 18 145 | 27 576 |
| Aandelen | ||
| Euro aandelen | 26 907 | 28 204 |
| Niet-euro aandelen | 15 322 | 17 877 |
| Cash | 3 653 | 4 395 |
| Totaal België | 84 448 | 93 145 |
| Verenigde Staten | ||
| Obligaties | ||
| USD langetermijnobligaties | 34 432 | 45 711 |
| USD vastrentende effecten | 4 326 | 8 367 |
| USD gewaarborgde deposito's | 5 270 | 5 445 |
| Aandelen | ||
| USD aandelen | 14 575 | 17 726 |
| Niet-USD aandelen | 6 052 | 7 241 |
| Totaal Verenigde Staten | 64 655 | 84 489 |
| Andere | ||
| Obligaties | 225 | 512 |
| Totaal Andere | 225 | 512 |
| Totaal | 149 328 | 178 146 |
In de Verenigde Staten wordt voornamelijk geïnvesteerd via beleggingsfondsen en gekantonneerde fondsen van verzekeringsmaatschappijen in genoteerde aandelen en obligaties. In België wordt voornamelijk belegd via beleggingsfondsen in genoteerde aandelen en obligaties. De beleggingen zijn afdoende gediversifieerd zodat een faling van één enkele belegging geen materiële impact zou hebben op het globale niveau van de activa. De fondsbeleggingen van de Groep omvatten geen directe positie in Bekaertaandelen of –obligaties, noch vastgoed dat wordt gebruikt door een Bekaertentiteit.
De voornaamste actuariële veronderstellingen op balansdatum (gewogen gemiddelden gebaseerd op uitstaande brutoverplichtingen) zijn:
| Actuariële veronderstellingen | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 4,0% | 3,1% |
| Jaarlijkse verhoging van bezoldigingen | 3,4% | 3,3% |
| Onderliggende inflatie | 2,5% | 2,5% |
| Toename gezondheidszorgkost (initieel) | 6,8% | 6,5% |
| Toename gezondheidszorgkost (uiteindelijk) | 5,0% | 5,0% |
| Gezondheidszorg (jaren voor het bereiken van het uiteindelijke percentage) | 7 | 6 |
De disconteringsvoet voor de Verenigde Staten en België is een weerspiegeling van zowel de huidige renteomgeving als van de specifieke karakteristieken van de planverplichtingen. In eerste instantie worden de geprojecteerde toekomstige uitbetalingen gekoppeld aan de toepasselijke contantkoersen, op basis waarvan de contante waarde berekend wordt. Daarna wordt teruggerekend wat de gemiddelde disconteringsvoet is die eenzelfde contante waarde oplevert. De contantkoersen worden afgeleid van een rentecurve gebaseerd op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een AA-kredietstatus uitgegeven in de munt van de toepasselijke regionale
| Disconteringsvoet | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| België | 3,1% | 1,8% |
| Verenigde Staten | 4,7% | 3,9% |
| Overige | 5,3% | 4,7% |
Assumpties met betrekking tot toekomstige sterfte zijn gebaseerd op actuarieel advies in overeenstemming met gepubliceerde statistieken en ervaring voor elke regio. Deze assumpties worden vertaald in een gemiddelde levensverwachting in jaren voor een gepensioneerde die uit dienst treedt op de leeftijd van 65:
| 2013 | 2014 | |
|---|---|---|
| Levensverwachting voor een man van 65 (jaren)op de balansdatum | 19,3 | 21,5 |
| Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) op de balansdatum | 21,3 | 23,9 |
| Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum | 20,0 | 22,4 |
| Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum | 21,9 | 24,8 |
Sterftekansen voor de plannen in de Verenigde Staten werden aangepast op 31 december 2014 naar de geslachtsafhankelijke sterftetabellen RP 2014 (met aanpassingen voor arbeiders indien van toepassing) en generationeel geprojecteerd volgens de prospectieve schaal MP2014.
Een sensitiviteitsanalyse levert volgende effecten op:
markt. Dit resulteert in de volgende disconteringsvoeten:
| Sensitiviteitsanalyse in duizend € |
Wijziging in veronder stelling |
Impact op toegezegd pensioenregelingen |
||
|---|---|---|---|---|
| Disconteringsvoet | -0,50% | Stijging met | 19 505 | 5,9% |
| Salarisstijging | 0,50% | Stijging met | 9 514 | 2,9% |
| Gezondheidszorgkost | 0,50% | Stijging met | 291 | 0,1% |
| Levensverwachting | Stijging met 1 jaar |
Stijging met | 3 627 | 1,1% |
Bij bovenstaande sensitiviteitsanalyse werden alle andere veronderstellingen constant gehouden.
De Groep is, door zijn toegezegdpensioenregelingen, blootgesteld aan een aantal risico's, waarvan de belangrijkste hieronder zijn toegelicht:
| Volatiliteit van de activa | De verplichtingen van het plan worden berekend met behulp van een disconteringsvoet gebaseerd op bedrijfsobligatierendementen; wanneer de fondsbeleggingen dit rendement niet behalen, zal dit een tekort veroorzaken. |
|---|---|
| Wijzigingen in obligatie rendementen |
Een afname van de rendementen op bedrijfsobligaties leidt tot een toename van de verplichtingen, hoewel dit gedeeltelijk zal worden gecompenseerd door een waardestijging van de obligaties in portefeuille. |
| Salarisrisico | De brutoverplichtingen van de meeste regelingen worden berekend op basis van de toekomstige verloning van de deelnemers. Bij gevolg zal een hoger dan verwachte salarisstijging leiden tot hogere verplichtingen. |
| Langlevenrisico | Belgische pensioenplannen voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering. Zodoende is er weinig of geen langlevenrisico. Pensioenplannen in de Verenigde Staten voorzien in voordelen voor de deelnemers zolang zij leven, dus zal een toename in levensverwachting resulteren in een toename van de planverplichtingen. |
| België | 11,03 |
|---|---|
| Verenigde Staten | 13,54 |
| Andere | 9,18 |
| Totaal | 11,92 |
De andere langetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op jubileumpremies.
De Groep kent aan bepaalde werknemers Stock Appreciation Rights (SARs) toe die hen het recht geven om op de uitoefendag de intrinsieke waarde van de SARs te ontvangen. Deze SARs worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingstransacties in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel als voor de in eigenvermogenselementen afgewikkelde aandelenoptieplannen (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties'). Gebaseerd op de lokale regulering, is de uitoefenprijs voor elke toekenning onder de SAR-plannen in de VS gelijk aan de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de onderneming gedurende de dertig dagen volgend op de datum van het aanbod. De uitoefenprijs van de andere SAR-plannen is bepaald op dezelfde wijze als voor de in eigenvermogenselementen afgewikkelde aandelenoptieplannen: als de laagste waarde van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de onderneming gedurende dertig dagen voorafgaand aan de datum van het aanbod, en (ii) de laatste slotkoers voorafgaand aan de datum van het aanbod.
Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 26,35 (2013: € 25,72), verwachte volatiliteit van 39% (2013: 39%), een verwacht dividend van 3,0% (2013: 3,0%), een wachtperiode van 3 jaar, een gemiddelde contractduur van 10 jaar, een uitstroom van personeel van 4% in Azië (2013: 6%) en 3% in andere landen (2013: 3%) en een uitoefenfactor van 1,40 (2013: 1,40). De input voor de risicovrije rente varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO's1 met een looptijd gelijk aan de looptijd van de bewuste SAR-toekenning.
1 Obligation Linéaire / Lineaire Obligatie
De uitoefenprijzen en reële waardes van de uitstaande SARs per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:
| Details van VS SAR-plannen per toekenning | Reële waarde per | Reële waarde per | |
|---|---|---|---|
| in € | Uitoefenprijs | 31 dec 2013 | 31 dec 2014 |
| Toekenning 2007 | 25,03 | 2,91 | - |
| Toekenning 2008 | 28,76 | 3,54 | 2,66 |
| Toekenning 2009 | 16,58 | 9,25 | 9,60 |
| Toekenning 2010 | 37,05 | 3,31 | 2,83 |
| Toekenning 2011 | 83,43 | 1,60 | 1,21 |
| Toekenning 2012 | 27,63 | 6,22 | 5,73 |
| Toekenning 2013 | 22,09 | 8,24 | 7,88 |
| Exceptionele toekenning 2013 | 22,51 | 9,22 | 8,80 |
| Toekenning 2014 | 25,66 | - | 7,18 |
| Toekenning 20151 | 25,45 | - | 7,46 |
| Details van andere SAR-plannen per toekenning in € |
Uitoefenprijs | Reële waarde per 31 dec 2013 |
Reële waarde per 31 dec 2014 |
|---|---|---|---|
| Toekenning 2007 | 30,17 | 3,87 | 3,37 |
| Toekenning 2008 | 28,33 | 4,80 | 4,52 |
| Toekenning 2009 | 16,66 | 9,37 | 9,73 |
| Toekenning 2010 | 33,99 | 4,37 | 4,17 |
| Toekenning 2011 | 77,00 | 1,73 | 1,34 |
| Toekenning 2012 | 25,14 | 6,68 | 6,23 |
| Toekenning 2013 | 19,20 | 9,05 | 9,02 |
| Exceptionele toekenning 2013 | 21,45 | 9,56 | 9,11 |
| Toekenning 2014 | 25,38 | - | 7,08 |
| Toekenning 20151 | 26,06 | - | 7,05 |
1 De reële waarde van deze toekenning werd bepaald op de datum van toekenning. Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.
Op 31 december 2014 bedroeg de totale verplichting voor de VS SAR plannen € 0,8 miljoen (2013: € 0,8 miljoen), terwijl de totale verplichting voor andere SAR plannen € 0,9 miljoen bedroeg (2013: € 0,5 miljoen).
De Groep nam een totaal verlies van € 0,2 miljoen op (2013: verlies van € 0,7 miljoen) tijdens het jaar in verband met SARs.
Kortetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op verplichtingen voor verloning en sociale zekerheid die volledig betaalbaar zijn binnen de 12 maanden na het einde van de periode waarin werknemers de gerelateerde prestaties verrichten.
| Herstruc | Deelneminge | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in duizend € | turering | Geschillen | Milieu | n | Overige | Totaal |
| Per 1 januari 2014 | 13 008 | 5 386 | 42 698 | - | 3 330 | 64 422 |
| Bijkomende voorzieningen | 1 246 | 3 741 | 505 | - | 7 253 | 12 745 |
| Terugnemingen ongebruikte bedragen | -2 662 | -1 919 | -8 043 | - | -1 277 | -13 901 |
| Toename in contante waarde | - | - | - | 72 | 641 | 713 |
| Opgenomen in de winst-en | ||||||
| verliesrekening | -1 416 | 1 822 | -7 538 | 72 | 6 617 | -443 |
| Eerste consolidatie | - | - | - | 8 200 | 12 738 | 20 938 |
| Aanwendingen van het jaar | -5 939 | -2 114 | -2 192 | - | -30 | -10 275 |
| Omrekeningswinsten (-) en -verliezen | 136 | 122 | 121 | - | 1 216 | 1 595 |
| Per 31 december 2014 | 5 789 | 5 216 | 33 089 | 8 272 | 23 871 | 76 237 |
| Waarvan | ||||||
| op ten hoogste een jaar | 5 656 | 2 935 | 3 776 | - | 8 126 | 20 493 |
| op meer dan een jaar | 133 | 2 281 | 29 313 | 8 272 | 15 745 | 55 744 |
De afname van de voorzieningen voor herstructurering heeft voornamelijk betrekking op de sluiting van een fabriek in Surrey, Canada en op eerder aangekondigde programma's in EMEA. De meeste van de herstructureringsprogramma's zullen naar verwachting in de loop van 2015 afgewerkt worden.
Voorzieningen voor geschillen houden in hoofdzaak verband met productkwaliteitsklachten en productgaranties in meerdere entiteiten. De meeste van de hangende klachten zullen waarschijnlijk afgewikkeld worden in het komende jaar.
Milieuvoorzieningen hebben voornamelijk betrekking op vestigingen in EMEA. De verwachte bodemsaneringskosten worden elk jaar opnieuw geschat op basis van een extern expertiserapport. Het is onzeker wanneer de kosten zullen gemaakt worden, want dit hangt vaak af van beslissingen inzake de bestemming van de sites. In het kader van verkooptransacties werden saneringsverplichtingen overgedragen aan de koper. De overeenkomstige voorzieningen werden teruggenomen als ongebruikte bedragen. Overige afnames zijn in lijn met een herschatting van risico's die in voorgaande jaren werden opgenomen.
De provisie voor beleggingen heeft betrekking op een put-optie voor een minderheidsbelang in een deelneming. (zie toelichting 6.13 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves' en 7.2 'Effect van bedrijfscombinaties').
De 'Eerste consolidatie' in overige voorzieningen heeft voornamelijk betrekking op het effect van het langetermijn leveringscontract voor walsdraad (dat verloopt in 2022) als deel van de overeenkomst tussen Bekaert en ArcelorMittal (€ 8,3 miljoen) en een voorziening voor belastingen in het kader van de acquisitie van de Pirelli staalkoordfabriek in Sumaré (Brazilië).
Hieronder volgt informatie over de contractuele vervaltermijnen van de rentedragende schulden van de Groep, zowel op ten hoogste een jaar als op meer dan een jaar:
| 2014 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Rentedragende schulden | ||||
| Financiële leasing | 76 | 513 | 959 | 1 548 |
| Kredietinstellingen | 341 293 | 84 353 | 508 | 426 154 |
| Obligatieleningen | 100 183 | 500 000 | 45 614 | 645 797 |
| Converteerbare obligatieleningen | - | 278 127 | - | 278 127 |
| Nettoboekwaarde | 441 552 | 862 993 | 47 081 | 1 351 626 |
| Waardeaanpassingen | 7 584 | - | - | 7 584 |
| Totaal financiële schulden | 449 136 | 862 993 | 47 081 | 1 359 210 |
| Vervallend |
| 2013 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Rentedragende schulden | ||||
| Financiële leasing | 69 | 127 | - | 196 |
| Kredietinstellingen | 217 452 | 41 385 | - | 258 837 |
| Obligatieleningen | 104 386 | 601 118 | 45 614 | 751 118 |
| Nettoboekwaarde | 321 907 | 642 630 | 45 614 | 1 010 151 |
| Waardeaanpassingen | - | -6 245 | - | -6 245 |
| Totaal financiële schulden | 321 907 | 636 385 | 45 614 | 1 003 906 |
De totale financiële schulden zijn hoofdzakelijk gestegen door de uitgifte van een converteerbare obligatielening van € 300 miljoen in juni 2014 voor de financiering van de Pirelli-deal. De karakteristieken van deze obligatielening zijn van die aard dat, in overeenstemming met IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering', deze wordt opgedeeld in twee componenten in de balans: (1) het basiscontract of de plain vanillaschuld (d.i. zonder conversie-optie) tegen geamortiseerde kostprijs en (2) het in het contract besloten derivaat, d.i. de conversie-optie tegen reële waarde via het resultaat.
In principe gaan entiteiten van de Groep leningen aan in hun lokale valuta om valutarisico's te vermijden. Als de financiering in een andere valuta gebeurt, zonder enige compenserende balanspositie, dekken de entiteiten het valutarisico af door middel van derivaten (cross-currency interest-rate swaps of termijnwisselcontracten). Sommige van deze afdekkingstransacties zijn aangemerkt als reëlewaardeafdekkingen of kasstroomafdekkingen. Obligatieleningen, commercial paper en schulden tegenover kredietinstellingen zijn niet gewaarborgd, met uitzondering van een nieuw factoring programma dat opgezet is met KBC en BNP Paribas Fortis voor NV Bekaert SA.
Voor meer informatie over het beheer van financiële risico's verwijzen wij naar toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.
De schuldberekening van de Groep toont het bedrag dat dient terugbetaald te worden en houdt daarbij rekening met afdekking door een derivaat, waardoor het bedrag niet altijd overeenkomt met de financiële verplichting in de balans. De Euro-obligatielening uitgeschreven door Bekaert Corporation (VS) in 2005 werd geswapt naar een USD-schuld door middel van CCIRSs, die ofwel als reëlewaardeafdekkingen ofwel als kasstroomafdekkingen werden aangemerkt. In de schuldberekening van Bekaert worden 'waardeaanpassingen' verwerkt in de nettoboekwaarde van deze obligatielening als gevolg van de omrekening tegen contantkoers, bijgevolg geëlimineerd voor het deel aangemerkt als kasstroomafdekking en van de reëlewaardeaanpassing, voor het deel aangemerkt als reëlewaardeafdekking. Het derivaat dat de in de converteerbare obligatie besloten conversieoptie (€ 7,9 miljoen) vertegenwoordigt, is niet inbegrepen in de nettoschuld. De volgende tabel geeft een overzicht van de berekening van de nettoschuld.
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | 688 244 | 910 074 |
| Waardeaanpassingen | -6 245 | 7 584 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | 321 907 | 441 552 |
| Totaal financiële schulden | 1 003 906 | 1 359 210 |
| Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar | -21 421 | -19 551 |
| Leningen op ten hoogste een jaar | -6 440 | -13 998 |
| Geldbeleggingen | -10 172 | -14 160 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | -391 857 | -458 542 |
| Nettoschuld | 574 016 | 852 959 |
| Nettoboekwaarde 2013 in duizend € |
2014 | |
|---|---|---|
| Overige schulden op meer dan een jaar | 187 | 815 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) 2 400 |
7 921 | |
| Totaal 2 587 |
8 736 |
De derivaten hebben betrekking op het financieel instrument dat besloten zit in de converteerbare obligatielening die werd uitgegeven in de loop van 2014 (zie toelichtingen 6.17 en 7.3).
| Nettoboekwaarde | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Overige verplichtingen | 8 229 | 5 849 |
| Derivaten (zie toelichting 7.3.) | 9 964 | 49 240 |
| Ontvangen voorschotten | 8 717 | 5 106 |
| Overige belastingen | 34 979 | 34 303 |
| Overlopende rekeningen (passief) | 20 597 | 20 078 |
| Totaal | 82 486 | 114 576 |
De derivaten bevatten termijnwisselcontracten (€ 7,6 miljoen (2013: € 7,9 miljoen)) en CCIRSs (€ 41,4 miljoen (2013: € 2,0 miljoen)). Overige belastingen hebben in hoofdzaak betrekking op BTW, afhoudingen op lonen en wedden en andere dan winstbelastingen. De toe te rekenen kosten in de overlopende rekeningen (passief) bestaan voornamelijk uit rentelasten op rentedragende schulden (€ 13,1 miljoen (2013: € 14,2 miljoen)).
| Samenvatting | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 305 763 | 186 949 |
| Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten | -71 966 | -225 347 |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten | -192 416 | 87 945 |
| Toename of afname in geldmiddelen en kasequivalenten | 41 381 | 49 547 |
Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode, in tegenstelling tot de directe methode. Deze laatste methode is gericht op het classificeren van bruto contante ontvangsten en bruto contante betalingen per categorie.
Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten zijn toegenomen met € 27,0 miljoen, hoofdzakelijk door verbeterde operationele prestaties en lagere betaalde winstbelastingen. De evolutie van de posten zonder kasstroomeffect reflecteert een toename in afschrijvingen en waardeverminderingen, hogere bijzondere waardeverminderingen en een afname van de toevoegingen aan voorzieningen. Informatie over bewegingen in voorzieningen is ook te vinden in toelichtingen 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen' en 6.16. 'Overige voorzieningen'. Negatieve goodwill heeft betrekking op de bedrijfscombinatie met ArcelorMittal in Costa Rica, Brazilië en Ecuador.
Investeringsposten omvatten voornamelijk winsten uit de verkoop van terreinen en gebouwen in België en machines in Canada. Deze posten worden voorgesteld als onderdeel van de inkomsten uit de verkoop van materiële vaste activa onder 'overige kasstromen uit investeringen'. De 'bewegingen in overige vlottende activa en overige verplichtingen' worden hoofdzakelijk veroorzaakt door de vordering die werd opgenomen voor de verzekeringsuitkering voor de brand in Rome (Georgia, VS).
Volgende tabel toont meer details in verband met geselecteerde bedrijfskasstromen:
| Details van geselecteerde bedrijfskasstromen | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat | ||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 151 071 | 164 610 |
| Bijzondere waardeverminderingen op activa | 8 650 | 16 962 |
| Winst (-) of verlies bij gefaseerde overnames | - | -1 804 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte | ||
| bedragen | 13 499 | 16 242 |
| Overige voorzieningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte bedragen | 15 771 | -1 156 |
| Negatieve goodwill | - | -10 893 |
| CTA overgeboekt naar resultaat bij afstoten van activiteiten | -463 | 1 041 |
| In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen | 4 356 | 2 845 |
| Totaal | 192 884 | 187 847 |
| Investeringsposten verwerkt in bedrijfsresultaat | ||
| Winst (-) of verlies bij verkoop van activiteiten | -718 | 122 |
| Winst (-) of verlies bij verkoop van immateriële vaste activa | 295 | - |
| Winst (-) of verlies bij verkoop van materiële vaste activa | 903 | -8 179 |
| Totaal | 480 | -8 057 |
| Terugname gebruikte bedragen op voorzieningen voor personeelsbeloningen en | ||
| overige voorzieningen | ||
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen: gebruikte bedragen | -33 230 | -34 177 |
| Overige voorzieningen: gebruikte bedragen | -12 099 | -10 275 |
| Totaal | -45 329 | -44 452 |
| Betaalde winstbelastingen | ||
| Actuele winstbelastingen | -64 381 | -57 276 |
| Toename of afname (-) in nettoverplichtingen m.b.t. winstbelastingen | 12 874 | 11 449 |
| Totaal | -51 507 | -45 827 |
| Overige bedrijfskasstromen | ||
| Bewegingen in overige vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar | -9 382 | -20 228 |
| Overige | 2 856 | 1 034 |
| Totaal | -6 526 | -19 194 |
De kasuitgaven voor nieuwe bedrijfscombinaties zijn bijna uitsluitend toe te schrijven aan de acquisitie van de Pirelli staalkoordactiviteiten (zie toelichting 7.2 'Effect van bedrijfscombinaties'). De Braziliaanse joint ventures genereerden hogere dividendinkomsten in vergelijking met 2013. Bekaert verwierf de intellectuele eigendom van Pirelli voor een bedrag van € 15 miljoen. Na een tijdelijke vertraging in 2013 werden investeringsprogramma's in alle regio's opnieuw opgevoerd.
In 2014 komen de inkomsten uit de verkoop van materiële vaste activa hoofdzakelijk voort uit de verkoop van terreinen en gebouwen in Aalter (België), en materiële vaste activa in Surrey (Canada).
Volgende tabel toont meer details in verband met geselecteerde investeringskasstromen:
| 2013 in duizend € |
2014 |
|---|---|
| Overige investeringskasstromen | |
| Inkomsten uit verkoop van immateriële activa 3 166 |
- |
| Inkomsten uit verkoop van materiële vaste activa 1 308 |
15 846 |
| Totaal 4 474 |
15 846 |
De belangrijkste gebeurtenis in de financieringsactiviteiten betreft de uitgifte van een converteerbare obligatielening van € 300 miljoen in juni 2014 om de acquisitie van de Pirelli staalkoordactiviteiten te financieren. De onderneming heeft een terugkoopprogramma voor aandelen gelanceerd voor een totaal bedrag van € 52 miljoen om mogelijke verwatering tegen te gaan die zou kunnen voortkomen uit de conversie van alle obligaties. Een tweede schijf van aandelen werd teruggekocht voor een waarde van € 20 miljoen, hoofdzakelijk in het kader van de aandelenoptieplannen. Er werden dividenden uitgekeerd aan minderheidspartners in China, Ecuador, Peru en Chili. Aangezien de dividenden die uitgekeerd werden aan de Chileense partners, grotendeels zijn teruggevloeid als kapitaalsverhogingen in de kabelactiviteiten, werden beiden gesaldeerd in de voorstelling van het kasstroomoverzicht. In 2014 werd een portfolioherschikking geïnitieerd, waarbij Bekaert haar aandeel in de kabelactiviteiten, in mede-eigendom met de Chileense partners, begin 2015 verhoogd heeft van 52% tot 65% (zie toelichting 7.6 'Gebeurtenissen na balansdatum'. Volgende tabel toont meer details in verband met geselecteerde financieringskasstromen:
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Overige financieringsstromen | ||
| Nieuwe aandelen uitgegeven voor uitgeoefende warrants | 1 048 | 779 |
| Deelname van minderheidsaandeelhouders in kapitaalverhoging | - | 4 222 |
| Toename (-) of afname van kort- en langlopende leningen en financiële vorderingen | 5 484 | -8 776 |
| Toename (-) of afname van financiële activa op ten hoogste een jaar | 94 455 | -2 896 |
| Overige financiële opbrengsten en lasten | 2 018 | -11 548 |
| Totaal | 103 005 | -18 219 |
Op 10 december 2013 maakte Bekaert bekend dat het een overeenkomst getekend had met ArcelorMittal omtrent de bouw van een nieuwe Dramix® fabriek in Costa Rica, de verwerving van een meerderheidsparticipatie in de ArcelorMittal staaldraadfabriek in Costa Rica en de verhoging van zijn participatie in de Cimaf kabelfabriek in Brazilië van 45% tot 100%. De overeenkomst werd gefinaliseerd op 30 april 2014 bij de ondertekening door Bekaert en ArcelorMittal van de 'closing memoranda' met betrekking tot:
Dankzij deze strategische transactie wil Bekaert de klanten uit diverse sectoren in de regio beter kunnen beleveren met een uitgebreider gamma van staaldraadproducten voor de bouwsector, de mijnbouw, de olie- en gassector, de landbouw, afrasteringen en industriële afnemers. De overeenkomst bouwt verder op bestaande partnerschappen in de regio met ArcelorMittal en met de familie Kohn.
Wanneer een bedrijfscombinatie in fasen tot stand komt, wordt, overeenkomstig IFRS 3 (herzien in 2008), het belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum, en wordt het verschil met de boekwaarde opgenomen in winst of verlies. In dit geval werd de reële waarde van het belang van 45% dat de Groep voorheen had in de Cimaf kabelfabriek geëxtrapoleerd op basis van de tussen de partners overeengekomen aandelenwaardering. Deze extrapolatie resulteerde in een reële waarde van € 9,7 miljoen. De nettoboekwaarde van het belang van de Groep in de Cimaf kabelfabriek bedroeg € 7,9 miljoen op de overnamedatum. Dit resulteerde in een winst op de gefaseerde overname van € 1,8 miljoen, die opgenomen werd in 'eenmalige opbrengsten en kosten' in de winst-en-verliesrekening. Verder worden, overeenkomstig IFRS 3, bedragen met betrekking tot het belang in de overgenomen partij tot voor de overnamedatum die opgenomen werden in de andere elementen van het resultaat van de Groep overgeboekt naar winst of verlies, wanneer dit van toepassing zou zijn ingeval het belang afgestoten werd. Dit resulteerde in een verlies van € 1,4 miljoen uit overboeking van gecumuleerde omrekeningsverschillen, dat eveneens opgenomen werd in 'eenmalige opbrengsten en kosten' in de winst-en-verliesrekening.
Goodwill wordt bepaald als het verschil tussen:
Omdat de overnamevergoeding uit de aandelen van Ideal Alambrec bestond, wordt zij gewaardeerd tegen de reële waarde van de afgestane minderheidsbelangen.
De verwerking van de bedrijfscombinatie resulteerde in een negatieve goodwill (€ -10,9 miljoen) die als een opbrengst werd opgenomen in 'eenmalige opbrengsten en kosten' in de winst-en-verliesrekening. De negatieve goodwill geeft aan dat er nog inspanningen zullen nodig zijn om het marktleiderschap te heroveren.
De minderheidsbelangen die ontstaan in de overgenomen entiteiten werden gewaardeerd tegen hun aandeel in de reële waarde van de verworven nettoactiva.
De volgende tabel geeft een overzicht van de verworven nettoactiva per balanspost, het effect van de toegepaste reëlewaardeaanpassingen volgens IFRS 3, 'Bedrijfscombinaties' en de goodwillberekening. De tabel verklaart ook het bedrag in het geconsolideerd kasstroomoverzicht vermeld als 'nieuwe bedrijfscombinaties', in dit geval nihil, aangezien er in deze overeenkomst geen contanten werden uitgewisseld tussen de partijen.
| Totaal | Boekwaarde vóór | Reëlewaarde | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | overname | aanpassingen | Reële waarde |
| Materiële vaste activa | 15 053 | 24 205 | 39 258 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 615 | 2 531 | 3 146 |
| Voorraden | 15 504 | -131 | 15 373 |
| Handelsvorderingen | 1 596 | - | 1 596 |
| Overige voorzieningen op meer dan een jaar | - | -8 293 | -8 293 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -1 261 | -7 817 | -9 078 |
| Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar | -554 | - | -554 |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | -22 | - | -22 |
| Totaal van de nettoactiva verworven in een bedrijfscombinatie |
30 944 | 10 482 | 41 426 |
| Deelneming verwerkt volgens de equity -methode vóór | |||
| de bedrijfscombinatie | -7 927 | -1 804 | -9 731 |
| Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen | |||
| entiteiten | -5 544 | 1 637 | -3 907 |
| Afgestane minderheidsbelangen | -4 981 | -11 914 | -16 895 |
| Goodwill | -10 893 | ||
| Betaalde overnamevergoeding | - | ||
| Verworven geldmiddelen | - | ||
| Nieuwe bedrijfscombinaties | - | - | - |
De positieve reëlewaardeaanpassingen op materiële vaste activa hebben voornamelijk betrekking op terreinen en gebouwen in Bekaert Cimaf Cabos Ltda en BIA Alambres Costa Rica SA. De reëlewaardeaanpassingen op voorraden bestaan voornamelijk uit waardeverminderingen op traag roterende en verouderde voorraden op basis van hun geschatte opbrengstwaarde.
Er werd een provisie opgenomen voor de effecten van het langetermijncontract voor de aankoop van walsdraad dat deel uitmaakt van de overeenkomst tussen Bekaert en ArcelorMittal.
Het effect op de geconsolideerde omzet en op het perioderesultaat volgt hieronder:
| Datum van | Omzet voor de | ||
|---|---|---|---|
| in duizend € | overname | periode | Perioderesultaat |
| Totaal voor de overgenomen entiteiten | 30 april 2014 | 27 016 | 9 330 |
Het perioderesultaat bevat € 11,3 miljoen eenmalige opbrengsten die verband houden met de verwerking van de bedrijfscombinatie. De kosten in verband met de overname, voornamelijk honoraria voor juridisch advies, bedroegen € 0,025 miljoen en werden opgenomen in administratieve kosten.
De pro forma omzet en resultaten alsof de overname op 1 januari 2014 zou afgesloten zijn, kunnen niet op betrouwbare wijze geschat worden zonder onverantwoorde inspanningen.
Op 17 juni 2014 maakte Bekaert bekend dat het een overeenkomst getekend had met Maccaferri, een globale leverancier van geavanceerde oplossingen voor civiele, geotechnische en landschapsbouwmarkten, om een 50/50-vennootschap op te richten voor de distributie en verkoop van oplossingen voor ondergrondse constructieversterking.
Het is de bedoeling van beide partijen om hun geavanceerde verstevigingsoplossingen voor ondergrondse bouwprojecten zoals de aanleg van tunnels voor wegen, spoorwegen, metro's, pijpleidingen en mijnbouw, alsook waterkrachtcentrales wereldwijd te promoten.
De vennootschap zal de verkoop- en distributieactiviteiten bundelen van Bekaerts Dramix® staalvezels voor betonversterking in ondergrondse projecten zoals spuitbeton en prefabtoepassingen met Maccaferri's complementaire oplossingen voor ondergrondse toepassingen zoals staalbogen, chemische additieven voor beton en glasvezelelementen voor grondstabilisatie. Via de vennootschap, die opgericht werd op 1 oktober 2014, heeft Bekaert voornamelijk twee waardevolle immateriële activa verworven: (1) de klantenrelaties en handelsmerken van Maccaferri met een reële waarde die geraamd werd op € 1,2 miljoen en (2) de synergieën uit de overdracht van productievolumes met een reële waarde geraamd op € 4,8 miljoen. De waardering van beide immateriële activa werd uitgevoerd door onafhankelijke experts die gebruik maakten van verdisconteerde cashflows om een vermogenswaarde (VW) te bepalen die vervolgens getoetst werd aan een marktwaarde op basis van vergelijkbare VW/EBIT-veelvouden. De overeenkomst omvat ook de sluiting van Maccaferri's staalvezelfabriek in Spanje. Verder werden er machines en wisselstukken overgenomen met een reële waarde van € 0,4 miljoen. De overnamevergoeding bestond voor Bekaert uit een inbreng in natura, met name de klantenportefeuille, en een uitgestelde overnamevergoeding die voornamelijk afhangt van commerciële streefcijfers die moeten behaald worden in elk van de drie jaren na de overnamedatum. De initiële verwerking van de bedrijfscombinatie resulteerde in een licht positieve goodwill van € 0,1 miljoen.
De volgende tabel geeft een overzicht van de verworven nettoactiva per balanspost, het effect van de toegepaste reëlewaardeaanpassingen volgens IFRS 3, 'Bedrijfscombinaties', en de goodwillberekening. Tevens wordt het bedrag verklaard dat in het geconsolideerd kasstroomoverzicht verschijnt als 'nieuwe bedrijfscombinaties'. De verworven geldmiddelen komen voort uit de kapitaalsinbreng van de partner en uit de netto-opleg door de partner bij de uitwisseling van activa.
De minderheidsbelangen die ontstaan in de overgenomen entiteiten werden gewaardeerd tegen hun aandeel in de reële waarde van de verworven nettoactiva.
| Totaal | Boekwaarde vóór | Reëlewaarde | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | overname | aanpassingen | Reële waarde |
| Immateriële activa | 22 210 | -16 200 | 6 010 |
| Materiële vaste activa | 2 148 | -2 015 | 133 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | - | 5 506 | 5 506 |
| Voorraden | 277 | - | 277 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 966 | - | 966 |
| Totaal van de nettoactiva verworven in een | |||
|---|---|---|---|
| bedrijfscombinatie | 25 601 | -12 709 | 12 892 |
| Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen | |||
| entiteiten | -9 400 | -2 753 | -12 153 |
| Uitgestelde overnamevergoeding | -810 | ||
| Goodwill | 71 | ||
| Betaalde overnamevergoeding | - | ||
| Verworven geldmiddelen | 966 | - | 966 |
| Nieuwe bedrijfscombinaties | 966 |
Daarnaast werd een verplichting van € 8,2 miljoen opgenomen in consolidatie met betrekking tot de put-optie die Maccaferri vanaf 1 januari 2023 toelaat om al zijn aandelen tegen reële waarde te verkopen aan Bekaert. Overeenkomstig IAS 32, 'Financiële instrumenten: presentatie', wordt de verplichting initieel opgenomen via het eigen vermogen, terwijl latere wijzigingen in reële waarde via de winst-en-verliesrekening worden opgenomen.
De reëlewaardebepaling van deze verplichting is geclassificeerd als niveau 3, aangezien niet-waarneembare inputs worden gebruikt in de waarderingsmethode die berust op een verdisconteerdekasstroommodel. De twee belangrijkste inputs in het waarderingsmodel zijn:
De bijdrage van de nieuwe vennootschap tot de geconsolideerde omzet en tot het perioderesultaat wordt hierna gepresenteerd:
| in duizend € | Datum van overname |
Omzet voor de periode |
Perioderesultaat |
|---|---|---|---|
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA | 1 oktober 2014 | 6 343 | -43 |
De effecten van de bedrijfscombinatie op de geconsolideerde omzet en het perioderesultaat van andere entiteiten van de Groep, voornamelijk de productie-entiteiten die goederen leveren aan de nieuwe commerciële joint
venture, kunnen niet op betrouwbare wijze geschat worden zonder onverantwoorde inspanningen. De pro forma omzet en resultaten alsof de overname op 1 januari 2014 zou afgesloten zijn, kunnen evenmin op betrouwbare wijze geschat worden zonder onverantwoorde inspanningen.
De kosten in verband met de overname, voornamelijk honoraria voor waarderingsexperts en juridisch advies, bedroegen € 0,1 miljoen en werden opgenomen in administratieve kosten.
Op 28 februari 2014 maakte Bekaert bekend dat het een overeenkomst getekend had met Pirelli, de globale bandenproducent, omtrent de overname van Pirelli's staalkoordactiviteiten voor een totale ondernemingswaarde van € 255 miljoen. In het kader van deze transactie sluiten Bekaert en Pirelli een langetermijnovereenkomst voor levering van staalkoord aan Pirelli. De overnameovereenkomst omvat Pirelli's productievestigingen in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië), Izmit (Turkije), Yanzhou (China) en Sumaré (Brazilië). De transactie zal naar schatting € 300 miljoen toevoegen aan Bekaert's geconsolideerde omzet op jaarbasis.
Op 18 december 2014 hebben Bekaert en Pirelli de overname door Bekaert van Pirelli's staalkoordvestigingen in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië) en Sumaré (Brazilië) succesvol afgerond. Door vertragingen in de wettelijke goedkeuring konden de overnames van Pirelli's vestigingen in Izmit (Turkije) en Yanzhou (China) niet afgerond worden voor het einde van 2014. Op 6 februari 2015 sloot Bekaert de overname van Pirelli's staalkoordvestiging in Izmit (Turkije) af – zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'. De overname van Pirelli's staalkoordvestiging in Yanzhou (China) zal gefinaliseerd worden zodra de betreffende wettelijke goedkeuring wordt verkregen.
De initiële verwerking van de bedrijfscombinatie die getoond wordt in deze financiële jaarrekening is uiteraard partieel en voorlopig. Ze is partieel, omdat ze enkel de overname van drie van de vijf vestigingen omvat die in het akkoord betrokken zijn. Ze is ook voorlopig, omdat de tijd te kort was om de waardering van de verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen in Pirelli's vestigingen in Italië, Roemenië en Brazilië te kunnen afwerken.
De reëlewaardeaanpassingen op materiële vaste activa zijn gebaseerd op externe waarderingen voor terreinen en gebouwen en op interne waarderingen voor installaties, machines en uitrusting. De uitgestelde belastingverplichtingen die ontstaan uit deze aanpassingen werden opgenomen tegen de toepasselijke belastingvoeten in de betrokken rechtsgebieden. De reële waarde van de overige verworven activa en overgenomen verplichtingen werd nog niet bepaald. Er ontstaan bijkomende minderheidsbelangen met betrekking tot de 20% participatie die Continental AG aanhoudt in de Roemeense vennootschap – met de nieuwe naam – Bekaert Slatina SRL. De totale overnamevergoeding voor alle aandelen die Pirelli aanhield in de staalkoordentiteiten in Italië, Roemenië en Brazilië bedroeg € 110,6 miljoen en werd afgewikkeld in contanten. Na aftrek van verworven geldmiddelen bedroeg de nettokasuitstroom € 109,5 miljoen. De initiële verwerking resulteerde in een voorlopige goodwill van € 0,7 miljoen.
Daarnaast heeft Bekaert ook € 15,0 miljoen betaald voor de verwerving van intellectuele eigendom, voornamelijk productie know-how en patenten, die in hun geheel geactiveerd werden als immateriële activa en zullen worden afgeschreven over 10 jaar.
Aangezien de overname kort voor het jaareinde afgesloten werd (d.i. bij de aanvang van de kerstvakantie), heeft Bekaert geen latere transacties, waarvan het effect onbetekenend geacht werd, meer opgenomen via het resultaat in 2014.
De minderheidsbelangen die ontstaan in de overgenomen entiteiten werden gewaardeerd tegen hun aandeel in de reële waarde van de verworven nettoactiva.
| Totaal | Boekwaarde vóór | Reëlewaarde | |
|---|---|---|---|
| in duizend € | overname | aanpassingen | Reële waarde |
| Immateriële activa | 2 | - | 2 |
| Materiële vaste activa | 75 870 | 38 303 | 114 173 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 1 835 | - | 1 835 |
| Overige vaste activa | 634 | - | 634 |
| Voorraden | 19 611 | - | 19 611 |
| Handelsvorderingen | 78 290 | - | 78 290 |
| Betaalde voorschotten | 1 981 | - | 1 981 |
| Overige vorderingen | 6 134 | - | 6 134 |
| Geldbeleggingen | 550 | - | 550 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 1 103 | - | 1 103 |
| Overige vlottende activa | 4 603 | - | 4 603 |
| Voorzieningen voor personeelsbeloningen op meer | |||
| dan een jaar | -9 099 | - | -9 099 |
| Overige voorzieningen op meer dan een jaar | -4 421 | - | -4 421 |
| Rentedragende schulden op meer dan een jaar | -2 383 | - | -2 383 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -3 420 | -12 082 | -15 502 |
| Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar | -29 115 | - | -29 115 |
| Handelsschulden | -38 808 | - | -38 808 |
| Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar | -4 320 | - | -4 320 |
| Overige voorzieningen op ten hoogste een jaar | -24 | - | -24 |
| Verplichtingen m.b.t. winstbelastingen | -1 466 | - | -1 466 |
| Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar | -4 712 | - | -4 712 |
| Totaal van de nettoactiva verworven in een | |||
| bedrijfscombinatie | 92 845 | 26 221 | 119 066 |
| Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen | |||
| entiteiten | -8 630 | -567 | -9 197 |
| Goodwill | 713 | ||
| Betaalde overnamevergoeding | -110 582 | ||
| Verworven geldmiddelen | 1 103 | - | 1 103 |
| Nieuwe bedrijfscombinaties | - | - | -109 479 |
De kosten in verband met de overname, voornamelijk honoraria voor consultancy, bedroegen € 3,2 miljoen en werden opgenomen in administratieve kosten.
De Groep is blootgesteld aan risico's als gevolg van bewegingen in wisselkoersen, rentevoeten en marktprijzen die haar activa en verplichtingen beïnvloeden. Het financieel risicobeheer van de Groep heeft tot doel om de effecten van deze marktrisico's als gevolg van haar operationele en financiële activiteiten te beperken. Naargelang het ingeschatte risico worden daartoe welbepaalde afdekkingsinstrumenten ingezet. De Groep dekt voornamelijk risico's af die de kasstromen beïnvloeden. Derivaten worden enkel gebruikt als afdekkingsinstrument en niet voor handels- of speculatieve doeleinden. Om het kredietrisico te beperken, worden afdekkingstransacties over het algemeen enkel aangegaan met financiële instellingen die tenminste een Akredietbeoordeling hebben.
De richtlijnen en principes van het financieel risicobeheer van Bekaert worden vastgelegd door het Audit en Finance Comité en gecontroleerd door de Raad van Bestuur van de Groep. De Groepsdienst Thesaurie is verantwoordelijk voor de implementatie van het financieel risicobeleid. Dit houdt in dat gepaste richtlijnen worden gedefinieerd en effectieve controle- en verslaggevingsprocedures worden opgezet. Het Audit en Finance Comité wordt geregeld geïnformeerd over de blootstelling aan valuta- en renterisico's.
Het valutarisico van de Groep kan opgedeeld worden in twee categorieën: valutatranslatierisico en valutatransactierisico.
Een valutatranslatierisico ontstaat wanneer de financiële gegevens van buitenlandse dochterondernemingen omgezet worden naar de presentatievaluta van de Groep, de euro. De voornaamste valuta's zijn de Chinese renminbi, de US dollar, de Tsjechische kroon, de Braziliaanse real, de Chileense peso en de Venezolaanse bolivar (cf. gecumuleerde omrekeningsverschillen in toelichting 6.13 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). Aangezien er geen kasstroomeffect is, dekt de Groep dit risico gewoonlijk niet af.
De Groep is blootgesteld aan valutatransactierisico's die voortvloeien uit haar investerings-, financierings- en bedrijfsactiviteiten.
Valutarisico's op het vlak van investeringen ontstaan uit de overname of de verkoop van deelnemingen in buitenlandse vennootschappen, maar ook uit te ontvangen dividenden vanuit buitenlandse deelnemingen. Valutatransactierisico's ontstaan veelal door administratieve vertraging bij de afwikkeling van dividendbetalingen vanuit Chinese dochterondernemingen. De Groep sluit meestal non-deliverable forward contracts (NDFs) af met diverse financiële instellingen om deze risico's af te dekken. Deze NDFs worden gewoonlijk niet aangemerkt voor hedge accounting.
Valutarisico's op het vlak van financiering ontstaan uit financiële verplichtingen in vreemde valuta's. De Groepsdienst Thesaurie dekt deze risico's af in overeenstemming met haar beleidsrichtlijnen en maakt hiervoor gebruik van cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om financiële verplichtingen in vreemde valuta's om te zetten naar de functionele valuta van de betrokken entiteit. Op de verslagdatum bestonden de verplichtingen in vreemde valuta waarvoor het valutarisico werd afgedekt voornamelijk uit euroobligatieleningen en intragroepsleningen, hoofdzakelijk in euro en US dollar.
Valutarisico's in het kader van bedrijfsactiviteiten vloeien voort uit commerciële activiteiten met aan- en verkopen in vreemde valuta, alsook betalingen en ontvangsten van royalty's. De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om verwachte kasinstromen en kasuitstromen voor de volgende drie maanden af te dekken. Belangrijke blootstellingen en vaststaande toezeggingen buiten dit tijdskader kunnen ook afgedekt worden.
Volgende tabel geeft een samenvatting van de nettoposities van de Groep voor de belangrijkste valutaparen met betrekking tot handelsvorderingen en handelsschulden in vreemde valuta op de verslagdatum. De nettoposities van de valuta zijn vóór eliminaties van intragroepsverrichtingen. Een positief bedrag betekent dat de Groep een nettovordering heeft in de eerste valuta. In de tabel vertegenwoordigt de kolom 'Totaal risico' de balanspositie, terwijl de kolom 'Totaal derivaten' alle derivaten omvat ter afdekking van zowel de balanspositie als verwachte transacties. De volatiliteit op jaarbasis is gebaseerd op de dagelijkse wisselkoersbewegingen gedurende de verslagperiode, met een betrouwbaarheidsinterval van 95%.
| Valutapaar - 2014 | Volatiliteit op | |||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | jaarbasis in % | Totaal risico Totaal derivaten | Nettopositie | |
| AUD/USD | 14,30% | 2 887 | -2 494 | 393 |
| CAD/USD | 10,45% | 2 559 | - | 2 559 |
| CNY/EUR | 10,11% | 5 284 | - | 5 284 |
| CZK/EUR | 3,37% | -6 376 | 1 478 | -4 899 |
| EUR/CNY | 10,11% | -16 649 | -1 084 | -17 733 |
| EUR/GBP | 8,89% | -683 | - | -683 |
| EUR/INR | 11,70% | 352 | - | 352 |
| EUR/RUB | 50,88% | -1 541 | - | -1 541 |
| GBP/CZK | 9,04% | 1 528 | - | 1 528 |
| GBP/EUR | 8,89% | 4 494 | -870 | 3 624 |
| IDR/USD | 13,97% | -1 493 | - | -1 493 |
| JPY/CNY | 12,83% | 4 675 | -2 575 | 2 099 |
| JPY/EUR | 12,30% | -64 | -213 | -277 |
| NZD/USD | 15,47% | 595 | -658 | -64 |
| USD/CAD | 10,45% | 7 669 | - | 7 669 |
| USD/CLP | 15,01% | 3 685 | - | 3 685 |
| USD/CNY | 3,30% | 35 314 | -15 167 | 20 147 |
| USD/COP | 18,02% | -4 557 | - | -4 557 |
| USD/EUR | 9,79% | 31 650 | -13 727 | 17 923 |
| USD/INR | 10,79% | -6 761 | - | -6 761 |
| USD/MYR | 12,03% | -1 626 | - | -1 626 |
| USD/MXN | 9,81% | -765 | - | -765 |
| Valutapaar - 2013 | Volatiliteit op | |||
| in duizend € | jaarbasis in % | Totaal risico Totaal derivaten | Nettopositie | |
| AUD/USD | 16,34% | 4 328 | -2 505 | 1 823 |
| AUD/USD | 16,34% | 4 328 | -2 505 | 1 823 |
|---|---|---|---|---|
| CAD/USD | 10,00% | 1 332 | - | 1 332 |
| CNY/EUR | 12,38% | 3 514 | - | 3 514 |
| CZK/EUR | 9,67% | -269 | 611 | 342 |
| EUR/CNY | 12,38% | -8 560 | -1 847 | -10 407 |
| EUR/GBP | 12,03% | 654 | - | 654 |
| EUR/INR | 20,64% | -1 363 | - | -1 363 |
| EUR/RUB | 11,44% | -1 016 | - | -1 016 |
| GBP/CZK | 16,15% | 1 074 | - | 1 074 |
| GBP/EUR | 12,03% | 2 169 | -2 533 | -364 |
| IDR/USD | 19,62% | -1 985 | - | -1 985 |
| JPY/CNY | 20,38% | 5 359 | -696 | 4 663 |
| JPY/EUR | 22,82% | 52 | -195 | -143 |
| NZD/USD | 18,28% | 802 | -314 | 488 |
| USD/CAD | 10,00% | 1 920 | - | 1 920 |
| USD/CLP | 14,38% | 3 751 | - | 3 751 |
| USD/CNY | 2,10% | 27 216 | -48 824 | -21 608 |
| USD/COP | 12,38% | -2 545 | - | -2 545 |
| USD/EUR | 12,69% | 18 496 | -17 332 | 1 164 |
| USD/INR | 21,22% | -4 864 | - | -4 864 |
| USD/MYR | 18,80% | -2 314 | - | -2 314 |
| USD/MXN | 12,47% | -830 | - | -830 |
Indien de valuta's verzwakt of versterkt waren met de hierboven geschatte mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou het perioderesultaat vóór belastingen € 0,5 miljoen (2013: € 1,4 miljoen) lager respectievelijk hoger geweest zijn.
Bepaalde derivaten maken ook deel uit van effectieve kasstroomafdekkingen om het valutarisico af te dekken met betrekking tot de Euro-obligatielening uitgegeven in 2005. Wisselkoersschommelingen in de betrokken valuta's (US dollar en euro) beïnvloeden de afdekkingsreserve in het eigen vermogen en de reële waarde van deze afdekkingsinstrumenten. Indien de euro verzwakt of versterkt was met de hogervermelde geschatte mogelijke
procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou de afdekkingsreserve in het eigen vermogen € 0,04 miljoen (2013: € 0,3 miljoen) hoger resp. lager geweest zijn.
De Groep is onderworpen aan renterisico en dit voornamelijk in US dollar, Chinese renminbi en euro. Om het effect van rentevoetfluctuaties in deze regio's te minimaliseren, wordt het renterisico op de nettoschuld, uitgedrukt in de valuta's van deze landen, afzonderlijk beheerd. De volgende algemene richtlijnen worden toegepast om het renterisico af te dekken:
De Groepsdienst Thesaurie gebruikt interest-rate swaps en cross-currency interest-rate swaps om ervoor te zorgen dat de vaste/variabele renteverhouding van de langlopende schulden binnen de limieten blijft. De Groep koopt ook forward starting renteopties om langlopende schulden met vaste/variabele rente om te zetten naar capped langlopende schulden. Hierdoor is de Groep beschermd tegen rentestijgingen en blijft ze tevens in de mogelijkheid om te genieten van rentedalingen.
Het volgende overzicht toont de gewogen gemiddelde rentevoeten op balansdatum.
| Lange termijn | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | ||||
| 2014 | rentevoet | rentevoet | Totaal | Korte termijn | Totaal |
| US dollar | 5,24% | - | 5,24% | 1,11% | 1,88% |
| Chinese renminbi | 5,76% | - | 5,76% | 4,73% | 5,33% |
| Euro | 3,16% | - | 3,16% | 0,33% | 3,06% |
| Overige | 8,41% | 3,00% | 8,05% | 5,53% | 6,09% |
| Totaal | 3,67% | 3,00% | 3,67% | 2,01% | 3,01% |
| Lange termijn | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | ||||
| 2013 | rentevoet | rentevoet | Totaal | Korte termijn | Totaal |
| US dollar | 5,27% | - | 5,27% | 1,10% | 1,91% |
| Chinese renminbi | 5,86% | 5,73% | 5,84% | 5,14% | 5,69% |
| Euro | 4,84% | - | 4,84% | 0,51% | 4,65% |
| Overige | 7,58% | 3,00% | 7,33% | 4,79% | 5,66% |
| Totaal | 5,13% | 5,30% | 5,14% | 1,84% | 3,81% |
Zoals vermeld in toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden' bedroeg de totale financiële schuld van de Groep € 1 359,2 miljoen op 31 december 2014 (2013: € 1 003,9 miljoen). De volgende tabel toont het valutakoers- en renteprofiel, d.i. de procentuele verdeling van de totale financiële schuld per munt en per type van rentevoet (vast, vlottend of capped).
| Valutakoers- en renteprofiel | Lange termijn | Korte termijn | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 2014 | Vaste rentevoet |
Vlottende rentevoet |
Capped rentevoet |
vlottende rentevoet |
Totaal |
| US dollar | 6,70% | - | - | 29,70% | 36,40% |
| Chinese renminbi | 2,80% | - | - | 2,00% | 4,80% |
| Euro | 48,40% | - | - | 1,70% | 50,10% |
| Overige | 1,80% | 0,20% | - | 6,70% | 8,70% |
| Totaal | 59,70% | 0,20% | - | 40,10% | 100,00% |
| Valutakoers- en renteprofiel | Lange termijn | Korte termijn | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Vaste | Vlottende | Capped | vlottende | ||
| 2013 | rentevoet | rentevoet | rentevoet | rentevoet | Totaal |
| US dollar | 7,20% | - | - | 30,00% | 37,20% |
| Chinese renminbi | 4,60% | 1,00% | - | 1,20% | 6,80% |
| Euro | 43,30% | - | - | - | 43,30% |
| Overige | 3,30% | 0,20% | - | 9,20% | 12,70% |
| Totaal | 58,40% | 1,20% | - | 40,40% | 100,00% |
Gesteund op de volatiliteit op jaarbasis van de dagelijkse noteringen van de Interbank Offered Rate op 3 maanden in 2014 en 2013, werden voor de belangrijkste valuta's de redelijkerwijs mogelijke rentevorken, met een 95%-betrouwbaarheidsinterval, als volgt bepaald.
| Valuta | Rentevoet per 31 dec 2014 |
Volatiliteit op jaarbasis in % |
Rentevork |
|---|---|---|---|
| Chinese renminbi1 | 3,75% | 16,45% | 3,13%-4,37% |
| Euro | 0,08% | 80,17% | 0,02%-0,14% |
| US dollar | 0,26% | 15,15% | 0,22%-0,30% |
| Valuta | Rentevoet per 31 dec 2013 |
Volatiliteit op jaarbasis in % |
Rentevork |
|---|---|---|---|
| Chinese renminbi1 | 5,38% | 16,45% | 4,50%-6,27% |
| Euro | 0,29% | 29,87% | 0,20%-0,37% |
| US dollar | 0,25% | 11,83% | 0,22%-0,28% |
1Voor de Chinese renminbi werd de PBOC -referentievoet voor leningen op hoogstens 6 maand genomen.
Indien we de geschatte mogelijke rentevoetwijzigingen toepassen op de schuld met vlottende en capped rentevoet – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou het perioderesultaat vóór belastingen € 0,7 miljoen (2013: € 0,5 miljoen) hoger/lager geweest zijn.
Wanneer derivaten deel uitmaken van effectieve kasstroomafdekkingen om renteschommelingen af te dekken, wordt hun reële waarde en ook de afdekkingsreserve in het eigen vermogen beïnvloed door wijzigingen in marktrentevoeten. Indien we de geschatte mogelijke rentevoetstijgingen toepassen op deze afdekkingen – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou de afdekkingsreserve in het eigen vermogen niet gewijzigd zijn (2013: € 0,03 miljoen hoger). Indien we de geschatte mogelijke rentevoetdalingen toepassen op deze afdekkingen – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou de afdekkingsreserve in het eigen vermogen niet gewijzigd zijn (2013: € 0,03 miljoen lager).
De Groep is blootgesteld aan kredietrisico's ten gevolge van haar bedrijfsactiviteiten en bepaalde financieringsactiviteiten. In het kader van haar bedrijfsactiviteiten heeft de Groep een kredietbeleid opgezet dat rekening houdt met het risicoprofiel van de klanten in functie van het marktsegment waartoe zij behoren. Op basis van hun activiteitenplatform, productsegment en regio wordt het kredietrisico van de klanten geanalyseerd en wordt beslist om het kredietrisico af te dekken. De blootstelling aan kredietrisico's wordt continu opgevolgd en de kredietwaardigheid van alle klanten wordt geregeld geëvalueerd. Omwille van het specifieke karakter van sommige staaldraadactiviteiten die slechts een beperkt aantal wereldwijd opererende klanten tellen, wordt het concentratierisico van dichtbij opgevolgd en wordt – overeenkomstig de kredietbeleidslijnen – indien nodig onmiddellijk actie ondernomen. Er dient geen enkele van de volgens IFRS 8 §34 vereiste toelichtingen in verband met individuele klanten (of groepen van klanten onder gezamenlijke zeggenschap) verstrekt, aangezien geen enkele klant van de Groep instaat voor meer dan 10% van de omzet. Op 31 december 2014 was 64,8% (2013: 64,4%) van het kredietrisico afgedekt door kredietverzekeringspolissen en handelsfinancieringsinstrumenten. In het kader van financieringsactiviteiten worden transacties in principe enkel afgesloten met tegenpartijen die minstens een A-kredietscore hebben. Daarnaast worden kredietlimieten vastgelegd voor elke tegenpartij in functie van haar kredietwaardigheid. Dankzij deze aanpak acht de Groep de risico's bij staking van betaling door de tegenpartij beperkt, zowel wat bedrijfsactiviteiten als wat financieringsactiviteiten betreft.
Liquiditeitsrisico betekent het risico dat de Groep haar verplichtingen niet kan nakomen op de vervaldag omdat ze niet in staat is om activa te gelde te maken of de nodige kredieten te bekomen. Om de liquiditeit en de financiële
flexibiliteit te allen tijde te garanderen, beschikt de Groep, naast de beschikbare geldmiddelen, over verscheidene kortlopende, niet-toegezegde kredietlijnen in de belangrijkste valuta's en voor bedragen die geacht worden toereikend te zijn voor de huidige en toekomstige financiële behoeften. Deze kredietfaciliteiten hebben meestal een gemengd karakter en kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor voorschotten, kaskredieten, acceptkredieten en verdisconteringen. De Groep heeft ook toegezegde kredietfaciliteiten ter beschikking voor een maximumbedrag van € 70,6 miljoen (2013: € 68,1 miljoen) tegen variabele rentevoeten met vaste marges. Een kredietlijn van € 50 miljoen vervalt in 2016 en een kredietlijn van USD 25 miljoen vervalt in 2015. Op jaareinde was van deze kredietlijnen niets (2013: niets) opgenomen. Bovendien beschikt de Groep over een commercial paper & medium-term note program voor een bedrag van € 123,9 miljoen (2013: € 123,9 miljoen). Op 31 december 2014 waren er geen uitstaande commercial paper notes (2013: geen). Op jaareinde was geen enkele van de uitstaande schuld onderwerp van schuld covenanten (2013: geen). In 2014 heeft de Groep een factoring-overeenkomst afgesloten die de mogelijkheid biedt om tot € 40 miljoen op te nemen voor 2 maanden, maar er werden geen bedragen opgenomen voor jaareinde.
De volgende tabel toont de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen. Enkel nettorentebetalingen en kapitaalsaflossingen zijn hierin vervat.
| 2014 | 2020 | |||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2015 | 2016 | 2017-2019 | en later |
| Financiële verplichtingen - hoofdsom | ||||
| Handelsschulden | -389 254 | - | - | - |
| Overige verplichtingen | -179 433 | -815 | - | - |
| Rentedragende schulden | -449 136 | -282 823 | -580 170 | -47 081 |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -607 477 | -12 988 | - | - |
| Financiële verplichtingen - rente | ||||
| Rentedragende schulden | -38 855 | -30 604 | -49 726 | -2 168 |
| Derivaten - netto afgewikkeld | -1 796 | - | - | - |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -9 453 | -1 279 | - | - |
| Totaal niet-verdisconteerde kasstromen | -1 675 404 | -328 509 | -629 896 | -49 249 |
| 2013 | 2019 | |||
| in duizend € | 2014 | 2015 | 2016-2018 | en later |
| Financiële verplichtingen - hoofdsom | ||||
| Handelsschulden | -338 864 | - | - | - |
| Overige verplichtingen | -135 255 | -186 | - | - |
| Rentedragende schulden | -321 907 | -101 787 | -534 598 | -45 614 |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -461 093 | -102 929 | -11 667 | - |
| Financiële verplichtingen - rente | ||||
| Rentedragende schulden | -45 147 | -32 065 | -59 728 | -14 100 |
| Derivaten - netto afgewikkeld | -2 003 | -1 602 | - | - |
| Derivaten - bruto afgewikkeld | -8 945 | -4 967 | -1 149 | - |
| Totaal niet-verdisconteerde kasstromen | -1 313 214 | -243 536 | -607 142 | -59 714 |
Hierin zijn alle instrumenten begrepen die aangehouden werden op de balansdatum en waarvoor de betalingen reeds contractueel werden vastgelegd. Voorspellingsgegevens met betrekking tot toekomstige nieuwe verplichtingen zijn niet meegerekend. Bedragen in vreemde valuta werden omgerekend tegen de slotkoers op de balansdatum. Variabele rentebetalingen met betrekking tot financiële instrumenten werden berekend op basis van de toepasselijke termijnrentevoeten.
Alle financiële derivaten die de Groep aangaat, hebben betrekking op een onderliggende transactie of een verwacht risico. In functie van het verwachte effect op de winst-en-verliesrekening en als voldaan is aan de strikte criteria van IAS 39, beslist de Groep geval per geval of hedge accounting zal toegepast worden. In de volgende secties worden de transacties beschreven waarvoor hedge accounting wordt toegepast en de transacties die niet in aanmerking komen voor hedge accounting, maar als een economische afdekking fungeren.
Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico, maakt IAS 39 een onderscheid tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van een netto-investering. Reëlewaardeafdekkingen zijn afdekkingen van het risico op schommelingen in de reële waarde van opgenomen activa en verplichtingen of niet opgenomen vaststaande toezeggingen. Kasstroomafdekkingen zijn afdekkingen van het risico op schommelingen in de toekomstige kasstromen met betrekking tot opgenomen activa en verplichtingen, heel waarschijnlijke
verwachte transacties of, als de afdekking betrekking heeft op valutarisico, niet-opgenomen vaste toezeggingen. Afdekkingen van een netto-investering zijn afdekkingen van het risico op schommelingen van de netto-investering in activa van entiteiten met een andere functionele valuta.
In 2005 heeft Bekaert Corporation, een entiteit gevestigd in de VS, een vastrentende euro-obligatielening van 100 miljoen uitgegeven. Tegelijkertijd heeft de entiteit ook twee cross-currency interest-rate swaps van elk € 50 miljoen aangegaan om de helft van de vaste betalingen in euro om te zetten in vlottende betalingen in US dollar en de andere helft in vaste betalingen in US dollar. Nog in 2005 heeft de entiteit de blootstelling aan vlottende betalingen in US dollar teruggebracht van € 50 miljoen tot € 30,9 miljoen.
De Groep heeft het deel van € 30,9 miljoen van de euro-obligatielening van 2005 aangemerkt als afgedekte positie in een reëlewaardeafdekking (het resterende deel van € 69,1 miljoen wordt behandeld als afgedekte positie in een kasstroomafdekking – zie volgende sectie). Hierdoor worden reëlewaardewijzigingen van de afgedekte posities als gevolg van schommelingen van de contantkoers USD/EUR afgezet tegenover reëlewaardewijzigingen van de cross-currency interest-rate swaps. Met deze afdekkingstransacties worden geen kredietrisico's beoogd of afgedekt.
Op 31 december 2014 had de Groep cross-currency interest-rate swaps voor een totaal notioneel bedrag van € 33,3 miljoen (2013: € 29,3 miljoen) die aangemerkt zijn als reëlewaardeafdekkingen, met een reële waarde van € -2,2 miljoen (2013: € 2,7 miljoen). De wijziging in reële waarde van de afdekkingsinstrumenten gedurende 2014 leidde tot de opname van een verlies van € 4,8 miljoen (2013: een winst van € 0,5 miljoen) in overige financiële opbrengsten en lasten. De herwaardering van de afgedekte posities leidde tot de opname van een winst van € 4,8 miljoen (2013: een verlies van € 0,5 miljoen) eveneens in overige financiële opbrengsten en lasten. Rentelastaanpassingen voortkomend uit reëlewaardeafdekkingen leidden tot een winst van € 0,9 miljoen (2013: een winst van € 0,8 miljoen).
Het valuta- en renterisico dat voortvloeit uit de overige € 69,1 miljoen van de euro-obligatielening van 2005 (zie voorgaande sectie over reëlewaardeafdekkingen) is afgedekt door middel van een cross-currency interest-rate swap voor € 50 miljoen en een combinatie van een cross-currency interest-rate swap en een interest-rate swap voor € 19,1 miljoen. Deze financiële derivaten zetten vaste betalingen in euro om in vaste betalingen in US dollar. De Groep heeft het betrokken deel van de euro-obligatielening aangemerkt als afgedekte positie. De bedoeling van deze afdekking is het elimineren van het risico op betalingsschommelingen als gevolg van wijzigingen in wisselkoersen en rentevoeten. Met deze afdekkingstransactie worden geen kredietrisico's beoogd of afgedekt.
Op 31 december 2014 had de Groep cross-currency interest-rate swaps en interest-rate swaps voor een totaal notioneel bedrag van € 74,5 miljoen (2013: € 83,7 miljoen) die aangemerkt zijn als kasstroomafdekkingen, met een reële waarde van € -5,5 miljoen (2013: € 2,8 miljoen). In 2014 werd een totaal verlies van € 7,9 miljoen (2013: een winst van € 4,0 miljoen) uit reëlewaardewijzigingen van cross-currency en interest-rate swaps rechtstreeks in het eigen vermogen (in de afdekkingsreserve) opgenomen. Deze bedragen vertegenwoordigen het effectieve deel van de afdekkingsrelatie. Een bedrag van € 8,6 miljoen werd gecrediteerd op het eigen vermogen (de afdekkingsreserve) tegenover overige financiële opbrengsten en lasten ter compensatie van de niet-gerealiseerde omrekeningswinsten (2013: omrekeningsverliezen van € 3,1 miljoen) als gevolg van de herwaardering van de euro-obligatielening tegen slotkoers. Rentelastaanpassingen voortkomend uit kasstroomafdekkingen leidden tot een verlies van € 0,8 miljoen (2013: een verlies van € 0,8 miljoen).
In de loop van 2014 en 2013 heeft de Groep geen afdekkingen van netto-investeringen aangegaan of afgewikkeld.
De Groep gebruikt ook financiële instrumenten die als economische afdekking fungeren, maar waarvoor geen hedge accounting wordt toegepast, ofwel omdat niet voldaan is aan de criteria die IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering', vooropstelt om in aanmerking te komen voor hedge accounting, ofwel omdat de Groep bewust besloten heeft om geen hedge accounting toe te passen. Deze derivaten worden verwerkt als afzonderlijke instrumenten aangehouden voor handelsdoeleinden.
De Groep gebruikt cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om het valutarisico van intragroepsleningen tussen twee entiteiten met verschillende functionele valuta's af te dekken. Tot op heden heeft de Groep ervoor gekozen om geen hedge accounting zoals gedefinieerd in IAS 39 toe te passen, aangezien nagenoeg alle cross-currency interest-rate swaps vlottend-vlottend zijn en bijgevolg verwacht wordt dat de wijziging in de reële waarde van het financieel instrument het omrekeningsresultaat als gevolg van de herwaardering van de intragroepsleningen zal compenseren. De Groep heeft cross-currency interest-rate swaps voor een totaal notioneel bedrag van € 523,9 miljoen (2013: € 472,8 miljoen) en een reële waarde van € -12,1 miljoen (2013: € 19,4 miljoen). De belangrijkste betrokken valuta's zijn de US dollar, de Canadese dollar en de Russische roebel. De termijnwisselcontracten vertegenwoordigen een notioneel bedrag van € 385,9 miljoen (2013: € 310,6 miljoen) en een reële waarde van € -4,6 miljoen (2013: € -7,8 miljoen). In 2014 werd als gevolg van de wijzigingen in reële waarde van cross-currency interest rate swaps en termijnwisselcontracten een verlies van € 28,3 miljoen (2013: een verlies van € 3,7 miljoen) opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten. Tevens werd een winst van € 41,2 miljoen (2013: een verlies van € 4,2 miljoen) opgenomen als niet-gerealiseerde wisselresultaten als gevolg van de herwaardering van de intragroepsleningen tegen slotkoers. Gerealiseerde wisselverliezen op afgedekte intragroepsleningen ten belope van € 16,6 miljoen (2013: € 0,7 miljoen winsten) werden opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten. Rentelastaanpassingen voortkomend uit cross-currency interest-rate swaps, ingezet als economische afdekkingen van valutarisico's, leidden tot een verlies van € 4,8 miljoen (2013: verlies van € 6,1 miljoen).
Om het renterisico te beheren, gebruikt de Groep interest-rate swaps, forward rate agreements en renteopties om haar schulden met variabele rentevoet om te zetten in schulden met vaste en/of capped rentevoet. Behalve een interest-rate swap van USD 25,0 miljoen werd geen van deze derivaten aangemerkt als afdekking zoals gedefinieerd in IAS 39. Op 31 december 2014 werd het renterisico op schulden afgedekt door middel van interest-rate swaps voor een totaal brutobedrag van € 32,9 miljoen (2013: € 29,0 miljoen). De Groep had geen forward rate agreements of renteopties uitstaan op 31 december 2014 (2013: geen). De reële waarde van de interest-rate swaps bedroeg op jaareinde € -0,2 miljoen (2013: € -1,5 miljoen). In 2014 werd, als gevolg van de reëlewaardewijzigingen, een winst van € 1,4 miljoen (2013: een winst van € 1,3 miljoen) opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten. Rentelastaanpassingen voortkomend uit economische afdekkingen leidden tot een verlies van € 1,4 miljoen (2013: een verlies van € 1,4 miljoen).
Het volgende overzicht presenteert de notionele bedragen van de derivaten volgens hun vervaldatum:
| 2014 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
|---|---|---|---|
| Interest-rate swaps | 53 537 | - | - |
| Termijnwisselcontracten | 429 921 | - | - |
| Cross-currency interest-rate swaps | 491 685 | 32 256 | - |
| Conversiederivaat | - | 300 000 | - |
| Totaal | 975 143 | 332 256 | - |
| 2013 in duizend € |
Vervallend binnen het jaar |
Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar |
Vervallend over meer dan 5 jaar |
|---|---|---|---|
| Interest-rate swaps | - | 47 132 | - |
| Termijnwisselcontracten | 352 403 | - | - |
| Cross-currency interest-rate swaps | 461 093 | 114 596 | - |
| Totaal | 813 496 | 161 728 | - |
Het volgend overzicht vat de reële waarden van de verschillende derivaten samen. Er wordt getoond of de derivaten al dan niet deel uitmaken van een afdekkingsrelatie zoals gedefinieerd in IAS 39 (reëlewaardeafdekking of kasstroomafdekking).
| Reële waarde van korte- en langetermijnderivaten | Vorderingen | Verplichtingen | ||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | 2013 | 2014 |
| Financiële instrumenten | ||||
| Termijnwisselcontracten | ||||
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | 543 | 2 637 | 7 931 | 7 625 |
| Interest-rate swaps | ||||
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | - | - | 1 515 | 235 |
| In het kader van kasstroomafdekkingen | - | - | 885 | 141 |
| Cross-currency interest-rate swaps | ||||
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | 21 473 | 21 521 | 2 033 | 33 631 |
| In het kader van reëlewaardeafdekkingen | 2 671 | - | - | 2 235 |
| In het kader van kasstroomafdekkingen | 3 638 | - | - | 5 373 |
| Conversiederivaat | ||||
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | - | - | - | 7 921 |
| Totaal | 28 325 | 24 158 | 12 364 | 57 161 |
| Op meer dan een jaar | 14 760 | 5 944 | 2 022 | 7 921 |
| Op ten hoogste een jaar | 13 565 | 18 214 | 10 342 | 49 240 |
| Totaal | 28 325 | 24 158 | 12 364 | 57 161 |
De Groep heeft geen financiële activa en verplichtingen die gesaldeerd worden voorgesteld in de balans volgens IAS 32. De Groep gaat ISDA-raamovereenkomsten aan met de tegenpartijen voor al haar derivaten, die de tegenpartijen toelaten om vorderingen uit derivaten te salderen met verplichtingen uit derivaten bij het afwikkelen in geval van wanbetaling. Bij deze overeenkomsten worden geen waarborgen uitgewisseld, noch in geldmiddelen noch in beleggingsinstrumenten. Het potentieel effect van het salderen van derivatencontracten wordt hierna weergegeven.
| Effect van afdwingbare salderings-overeenkomsten | Vorderingen | Verplichtingen | ||
|---|---|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 | 2013 | 2014 |
| Totaal derivaten opgenomen in de balans | 28 325 | 24 158 | 12 364 | 57 161 |
| Afdwingbare salderingen | -5 372 | -15 576 | -5 372 | -15 576 |
| Nettobedragen | 22 953 | 8 582 | 6 992 | 41 585 |
De tabel hieronder illustreert in welke mate het gebruik van derivaten het resultaatseffect van onderliggende risico's compenseert:
| 2014 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Andere | Impact op winst-en verlies rekening |
|---|---|---|---|---|
| Reëlewaarde | Reëlewaarde | Rentelast | ||
| Reëlewaardeafdekkingen | veranderingen | veranderingen | aanpassingen | |
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | 4 829 | -4 815 | 909 | 923 |
| Kasstroomafdekkingen | ||||
| Rentelastaanpassingen en afschrijving van stopgezette afdekkingsrelatie (overgeboekt uit eigen vermogen) |
- | - | -797 | -797 |
| Onderliggend | ||||
| risico | Derivaat | |||
| Niet | ||||
| gerealiseerde | Gerealiseerde | |||
| wissel | Reëlewaarde | wissel | ||
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | resultaten | veranderingen | resultaten | |
| Valutarisico op financieringskasstromen | 41 152 | -28 305 | -16 626 | -3 779 |
| Valutarisico op operationele en financieringskasstromen | 40 | -608 | 796 | 228 |
| Rentelast | ||||
| aanpassingen | ||||
| Renterisico | - | 1 358 | -6 243 | -4 885 |
| Conversiederivaat | - | 13 379 | -3 215 | 10 164 |
| Totaal | 46 021 | -18 991 | -25 176 | 1 854 |
Van de totale impact op de winst-en-verliesrekening in 2014 werd € 9,6 miljoen opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten, € 1,6 miljoen in andere bedrijfsopbrengsten en -kosten (nl. gerealiseerde wisselresultaten op operationele kasstromen) en € -9,3 miljoen in rentelasten.
| 2013 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Andere | Impact op winst-en verlies rekening |
|---|---|---|---|---|
| Reëlewaarde | Reëlewaarde | Rentelast | ||
| Reëlewaardeafdekkingen | veranderingen | veranderingen | aanpassingen | |
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | -494 | 512 | 842 | 860 |
| Kasstroomafdekkingen | ||||
| Rentelastaanpassingen en afschrijving van stopgezette | ||||
| afdekkingsrelatie (overgeboekt uit eigen vermogen) | - | - | -803 | -803 |
| Onderliggend | ||||
| risico | Derivaat | |||
| Niet | ||||
| gerealiseerde | Gerealiseerde | |||
| wissel | Reëlewaarde | wissel | ||
| Aangehouden voor handelsdoeleinden | resultaten | veranderingen | resultaten | |
| Valutarisico op financieringskasstromen | -4 162 | -3 737 | 687 | -7 212 |
| Valutarisico op operationele en financieringskasstromen | -7 519 | 387 | 3 956 | -3 176 |
| Rentelast | ||||
| aanpassingen | ||||
| Renterisico | - | 1 288 | -7 481 | -6 193 |
| Totaal | -12 175 | -1 550 | -2 799 | -16 524 |
Van de totale impact op de winst-en-verliesrekening in 2013 werd € -4,5 miljoen opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten, € -4,6 miljoen in andere bedrijfsopbrengsten en -kosten (nl. gerealiseerde wisselresultaten op operationele kasstromen) en € -7,4 miljoen in rentelasten.
Kasstroomafdekkingen beïnvloeden ook rechtstreeks het eigen vermogen via andere elementen van het volledig resultaat, zoals hieronder getoond:
| 2014 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Andere | Verwerkt in het eigen vermogen (OCI) |
|---|---|---|---|---|
| Contantkoers | Reëlewaarde | |||
| Kasstroomafdekkingen | veranderingen | veranderingen | ||
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | 8 582 | -7 896 | - | 686 |
| Afschrijving van stopgezette afdekkingsrelaties | ||||
| (overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening) | - | - | 69 | 69 |
| 2013 in duizend € |
Afgedekte positie |
Afdekkings instrument |
Andere | Verwerkt in het eigen vermogen (OCI) |
| Contantkoers | Reëlewaarde | |||
| Kasstroomafdekkingen | veranderingen | veranderingen | ||
| Valuta- en renterisico op financieringskasstromen | -3 107 | 3 889 | - | 782 |
| Afschrijving van stopgezette afdekkingsrelaties | ||||
| (overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening) | - | - | 72 | 72 |
De volgende tabellen tonen de verschillende klassen van financiële activa en verplichtingen met hun nettoboekwaarde in de balans en reële waarde, ingedeeld naargelang hun waarderingscategorie volgens IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering', of IAS 17, 'Lease-overeenkomsten'.
Geldmiddelen en kasequivalenten, geldbeleggingen, handelsvorderingen, overige vorderingen, ontvangen bankwissels en leningen en financiële vorderingen vervallen meestal op korte termijn. Daarom benadert hun nettoboekwaarde op de verslagdatum hun reële waarde. Ook handelsschulden en overige verplichtingen vervallen meestal op korte termijn en om dezelfde reden benadert hun nettoboekwaarde hun reële waarde. De Groep heeft overigens geen posities in collateralized debt obligations (CDO's).
Volgende afkortingen voor categorieën worden hierna gebruikt:
| Afkorting | Categorie volgens IAS 39 |
|---|---|
| L&V | Leningen & vorderingen |
| BV | Beschikbaar voor verkoop |
| FARWR | Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat |
| FVtGK | Financiële verplichtingen tegen geamortiseerde kostprijs |
| AVAfd | Administratieve verwerking van afdekkingstransacties |
| FVRWR | Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het resultaat |
| n.v.t. | Niet van toepassing |
| Netto boekwaarde |
Bedragen opgenomen in de balans volgens IAS 39 tegen |
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2014 in duizend € |
Categorie volgens IAS 39 |
2014 | Geamor tiseerde kostprijs |
Reële waarde via eigen vermogen |
Reële waarde via winst of verlies |
Bedragen opgenomen in de balans volgens IAS 17 |
Reële waarde 2014 |
|
| Activa | ||||||||
| Geldmiddelen en | ||||||||
| kasequivalenten | L&V | 458 542 | 458 542 | - | - | - | 458 542 | |
| Geldbeleggingen | L&V | 14 160 | 14 160 | - | - | - | 14 160 | |
| Handelsvorderingen | L&V | 707 569 | 707 569 | - | - | - | 707 569 | |
| Ontvangen bankwissels L&V | 114 118 | 114 118 | - | - | - | 114 118 | ||
| Overige vorderingen | L&V | 106 627 | 106 627 | - | - | - | 106 627 | |
| Leningen en financiële | ||||||||
| vorderingen | L&V | 42 523 | 42 523 | - | - | - | 42 523 | |
| Financiële activa beschikbaar voor |
||||||||
| verkoop | BV | 9 979 | 981 | 8 998 | - | - | 9 979 | |
| Vorderingen uit | ||||||||
| derivaten | ||||||||
| - zonder | ||||||||
| afdekkingsrelatie | FARWVR | 24 157 | - | - | 24 158 | - | 24 157 | |
| - met afdekkingsrelatie | AVAfd | - | - | - | - | - | - | |
| Verplichtingen | ||||||||
| Rentedragende schulden |
||||||||
| - financiële leases | n.v.t. | 1 548 | - | - | - | 1 548 | 1 548 | |
| - kredietinstellingen | FVtGK | 426 154 | 426 154 | - | - | - | 426 154 | |
| - obligatieleningen | AVAfd | 100 184 | 69 107 | - | 31 076 | - | 100 594 | |
| - obligatieleningen | FVtGK | 823 740 | 823 740 | - | - | - | 868 376 | |
| Handelsschulden | FVtGK | 390 943 | 390 943 | - | - | - | 390 943 | |
| Overige verplichtingen | FVtGK | 143 497 | 143 497 | - | - | - | 143 497 | |
| Verplichtingen uit derivaten |
||||||||
| - zonder | ||||||||
| afdekkingsrelatie | FVRWVR | 49 411 | - | - | 49 411 | - | 49 411 | |
| - met afdekkingsrelatie | AVAfd | 7 750 | - | 5 515 | 2 235 | - | 7 750 | |
| Getotaliseerd per categorie volgens IAS 39 Leningen en financiële |
||||||||
| vorderingen | L&V | 1 443 539 | 1 443 539 | - | - | - | 1 443 539 | |
| Financiële activa beschikbaar voor |
||||||||
| verkoop | BV | 9 979 | 981 | 8 998 | - | - | 9 979 | |
| Financiële activa tegen | ||||||||
| reële waarde via het | ||||||||
| resultaat | FARWVR | 24 157 | - | - | 24 158 | - | 24 157 | |
| Financiële verplichtingen |
||||||||
| gewaardeerd tegen | ||||||||
| geamortiseerde kostprijs FVtGK | 1 784 334 | 1 784 334 | - | - | - | 1 828 970 | ||
| Financiële verplichtingen met |
||||||||
| afdekkingsrelatie | AVAfd | 107 934 | 69 107 | 5 515 | 33 311 | - | 108 344 | |
| Financiële | ||||||||
| verplichtingen tegen | ||||||||
| reële waarde via het | ||||||||
| resultaat | FVRWVR | 49 411 | - | - | 49 411 | - | 49 411 |
| Netto Bedragen opgenomen in de balans boekwaarde volgens IAS 39 tegen |
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2013 in duizend € |
Categorie volgens IAS 39 |
2013 | Geamor tiseerde kostprijs |
Reële waarde via eigen vermogen |
Reële waarde via winst of verlies |
Bedragen opgenomen in de balans volgens IAS 17 |
Reële waarde 2013 |
| Activa | |||||||
| Geldmiddelen en | |||||||
| kasequivalenten | L&V | 391 857 | 391 857 | - | - | - | 391 857 |
| Geldbeleggingen | L&V | 10 172 | 10 172 | - | - | - | 10 172 |
| Handelsvorderingen | L&V | 584 455 | 584 455 | - | - | - | 584 455 |
| Ontvangen bankwissels L&V | 110 218 | 110 218 | - | - | - | 110 218 | |
| Overige vorderingen | L&V | 83 781 | 83 781 | - | - | - | 83 781 |
| Leningen en financiële vorderingen |
31 748 | 31 748 | - | - | - | 31 748 | |
| Financiële activa beschikbaar voor |
L&V | ||||||
| verkoop | BV | 8 713 | 975 | 7 738 | - | - | 8 713 |
| Vorderingen uit derivaten - zonder |
|||||||
| afdekkingsrelatie | FARWVR | 22 016 | - | - | 22 016 | - | 22 016 |
| - met afdekkingsrelatie AVAfd | 6 309 | - | 3 638 | 2 671 | - | 6 309 | |
| Verplichtingen | |||||||
| Rentedragende schulden |
|||||||
| - financiële leases | n.v.t. | 196 | - | - | - | 196 | 196 |
| - kredietinstellingen | FVtGK | 258 837 | 258 837 | - | - | - | 258 837 |
| - obligatieleningen | AVAfd | 101 118 | 69 107 | - | 32 011 | - | 103 619 |
| - obligatieleningen | FVtGK | 650 000 | 650 000 | - | - | - | 676 637 |
| Handelsschulden | FVtGK | 338 864 | 338 864 | - | - | - | 338 864 |
| Overige verplichtingen | FVtGK | 135 441 | 135 441 | - | - | - | 135 441 |
| Verplichtingen uit derivaten |
|||||||
| - zonder afdekkingsrelatie |
FVRWVR | 11 479 | - | - | 11 479 | - | 11 479 |
| - met afdekkingsrelatie AVAfd | 885 | - | 885 | - | - | 885 | |
| Getotaliseerd per categorie volgens IAS 39 Leningen en financiële vorderingen Financiële activa |
L&V | 1 212 231 | 1 212 231 | - | - | - | 1 212 231 |
| beschikbaar voor verkoop |
BV | 8 713 | 975 | 7 738 | - | - | 8 713 |
| Financiële activa met afdekkingsrelatie |
AVAfd | 6 309 | - | 3 638 | 2 671 | - | 6 309 |
| Financiële activa tegen reële waarde via het |
|||||||
| resultaat | FARWVR | 22 016 | - | - | 22 016 | - | 22 016 |
| Financiële verplichtingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs FVtGK |
1 383 142 | 1 383 142 | - | - | - | 1 409 779 | |
| Financiële verplichtingen met |
|||||||
| afdekkingsrelatie | AVAfd | 102 003 | 69 107 | 885 | 32 011 | - | 104 504 |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het |
resultaat FVRWVR 11 479 - - 11 479 - 11 479
De reëlewaardebepaling van financiële activa en verplichtingen kan worden getypeerd op een van de volgende manieren:
| Contractuele bepalingen | ||
|---|---|---|
| Bedrag van de uitgifte (in duizend €) | 300 000 | |
| Uitgifteprijs | 100% | |
| Initiële conversiepremie | 32,5% | |
| Coupon | 0,75% | |
| Op uitgifte datum |
Op 31 dec 2014 |
|
| Niveau-1-inputs | ||
| Koers van het aandeel | € 27,97 | € 26,35 |
| Niveau-2-inputs | ||
| Referentieswaprate | 0,54% | 0,25% |
| Kredietmarge | 210 bps | 200 bps |
| Niveau-3-inputs | ||
| Volatiliteit | 25,40% | 22,00% |
| Uitkomsten van het model in duizend € |
||
| Reële waarde van de converteerbare schuld | 300 000 | 286 379 |
| Reële waarde van de plain vanilla schuld | 278 700 | 278 458 |
| Reële waarde van de conversie-optie | 21 300 | 7 921 |
De nettoboekwaarde (d.i. de reële waarde) van het conversiederivaat is als volgt geëvolueerd:
| in duizend € | |
|---|---|
| Bij uitgifte van de converteerbare obligatie (10 juni 2014) | 21 300 |
| (Winst) / Verlies in reële waarde | -13 379 |
| Per 31 december 2014 | 7 921 |
De volgende tabel toont de sensitiviteit van de reëlewaardeberekening aan de belangrijkste input van niveau 3.
| Sensitiviteitsanalyse | |||
|---|---|---|---|
| in duizend € | Wijziging | Impact op derivaat (verplichting) | |
| Impliciete volatiliteit | 3,5% | toename met | 3 900 |
| -3,5% | afname met | -3 900 |
De reële waarde van alle financiële instrumenten die tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerd worden in de balans, volgens IAS 39 of IAS 17, werd bepaald door middel van waarderingstechnieken van 'Niveau 2'. De volgende tabel toont een analyse van financiële instrumenten die tegen reële waarde worden gewaardeerd in de balans volgens de hoger beschreven hiërarchie van reëlewaardebepalingen:
| 2014 in duizend € |
Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Financiële activa - met afdekkingsrelatie | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | - | - | - |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | 24 157 | - | 24 157 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||||
| Deelnemingen | 8 495 | 503 | - | 8 998 |
| Totaal activa | 8 495 | 24 660 | - | 33 155 |
| Financiële verplichtingen - met afdekkingsrelatie | ||||
| Rentedragende schulden | - | 31 076 | - | 31 076 |
| Verplichtingen uit derivaten | - | 7 750 | - | 7 750 |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het resultaat |
||||
| Verplichtingen uit derivaten | - | 41 490 | 7 921 | 49 411 |
| Totaal verplichtingen | - | 80 316 | 7 921 | 88 237 |
| 2013 in duizend € |
Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Financiële activa - met afdekkingsrelatie | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | 6 309 | - | 6 309 |
| Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat | ||||
| Vorderingen uit derivaten | - | 22 016 | - | 22 016 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | ||||
| Deelnemingen | 7 248 | 490 | - | 7 738 |
| Totaal activa | 7 248 | 28 815 | - | 36 063 |
| Financiële verplichtingen - met afdekkingsrelatie | ||||
| Rentedragende schulden | - | 32 011 | - | 32 011 |
| Verplichtingen uit derivaten | - | 885 | - | 885 |
| Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het | ||||
| resultaat | ||||
| Verplichtingen uit derivaten | - | 11 479 | - | 11 479 |
| Totaal verplichtingen | - | 44 375 | - | 44 375 |
Er waren geen overdrachten tussen niveau 1 en 2 tijdens de periode.
De Groep beheert haar kapitaal om te verzekeren dat haar entiteiten in staat zullen zijn hun activiteiten verder te zetten, en met de bedoeling de rentabiliteit voor haar aandeelhouders te maximaliseren door de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen te optimaliseren. De Groep heeft haar strategie in dit verband niet gewijzigd tegenover 2013.
De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit nettoschuld, die de elementen omvat gedefinieerd in toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden', en eigen vermogen (zowel toerekenbaar aan de Groep als aan minderheidsbelangen).
Het Audit en Finance Comité van de Groep controleert de kapitaalstructuur op halfjaarlijkse basis. Als onderdeel van deze controle wordt de kapitaalkost herzien en worden de risico's geëvalueerd die verband houden met elke vorm van kapitaalverstrekking. De Groep beoogt een gearing ratio van 50%, gedefinieerd als de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen.
| Gearing | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Nettoschuld | 574 016 | 852 959 |
| Eigen vermogen | 1 503 876 | 1 566 212 |
| Nettoschuld op eigen vermogen | 38,2% | 54,5% |
Per 31 december had de Groep de volgende belangrijke toezeggingen en voorwaardelijke activa en verplichtingen:
| in duizend € | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Voorwaardelijke verplichtingen | 14 264 | 22 548 |
| Toezeggingen tot aankoop van vaste activa | 12 718 | 19 129 |
| Toezeggingen tot deelneming in durfkapitaalfondsen | 6 669 | 5 038 |
De voorwaardelijke verplichtingen hebben voornamelijk betrekking op milieuverplichtingen, waarvan de meeste gedekt zijn door bankgaranties.
De entiteiten van de Groep worden geregeld onderworpen aan belastingcontroles in hun rechtsgebied. Hoewel het eindresultaat van belastingcontroles onzeker is, heeft Bekaert de kwaliteit van haar aangiftes getoetst in een algemene evaluatie van potentiële belastingverplichtingen en geconcludeerd dat de Groep toereikende belastingverplichtingen opgenomen heeft in deze geconsolideerde jaarrekening voor eventuele risico's op dit vlak. Bijgevolg acht Bekaert het ook onwaarschijnlijk dat potentiële belastingrisico's, bovenop de bedragen die in deze geconsolideerde jaarrekening als verplichtingen opgenomen werden, van betekenis kunnen zijn voor haar financiële positie (zie toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen' voor voorwaardelijke belastingverplichtingen met betrekking tot de Braziliaanse joint ventures).
De Groep heeft verscheidene huurcontracten aangegaan, die geclassificeerd worden als operationele leaseovereenkomsten, vooral voor rollend materieel en gebouwen, grotendeels in Europa. Een groot aantal van deze contracten bevat een verlengingsclausule, behalve de meeste contracten voor rollend materieel en uitrusting. De activa worden niet onderverhuurd aan derden.
| Toekomstige betalingen | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Binnen het jaar | 12 338 | 13 871 |
| Over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar | 22 899 | 26 016 |
| Over meer dan 5 jaar | 4 024 | 1 018 |
| Totaal | 39 261 | 40 905 |
| Kosten | ||
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Rollend materieel | 9 498 | 9 850 |
| Industriële gebouwen | 2 854 | 3 063 |
| Uitrusting | 2 385 | 2 770 |
| Kantoren | 4 135 | 3 394 |
| Gronden | 387 | 377 |
| Overige | 832 | 952 | ||
|---|---|---|---|---|
| Totaal | 20 091 | 20 406 | ||
| 2014 | Gewogen gemiddelde | |||
| in jaren | leaseperiode | |||
| Rollend materieel | 4 | |||
| Industriële gebouwen | 2 | |||
| Uitrusting | 3 |
|---|---|
| Kantoren | 4 |
| Gronden | 1 |
| Overige | 1 |
| 2013 in jaren |
Gewogen gemiddelde leaseperiode |
|---|---|
| Rollend materieel | 4 |
| Industriële gebouwen | 3 |
| Uitrusting | 4 |
| Kantoren | 4 |
| Gronden | 5 |
| Overige | 1 |
Transacties tussen de onderneming en haar dochterondernemingen, die verbonden partijen zijn, werden geëlimineerd in de consolidatie en worden bijgevolg niet opgenomen in deze toelichting. Transacties met andere verbonden partijen worden hieronder toegelicht.
| Transacties met joint ventures | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Verkopen van goederen | 26 863 | 36 930 |
| Aankopen van goederen | 11 264 | 19 654 |
| Ontvangen royalty's en managementvergoedingen | 10 891 | 10 125 |
| Rente- en soortgelijke opbrengsten | 152 | 169 |
| Ontvangen dividenden | 12 509 | 19 881 |
| Uitstaande balansposities tegenover joint ventures | ||
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Handelsvorderingen | 12 446 | 11 251 |
| Overige kortetermijnvorderingen | - | 443 |
| Handelsschulden | 2 315 | 3 892 |
| Overige kortetermijnverplichtingen | - | 185 |
Geen enkele van de verbonden partijen heeft bepaalde transacties aangegaan die voldoen aan de criteria van IAS 24, 'Informatieverschaffing over verbonden partijen'.
Het Key Management omvat de Raad van Bestuur, de CEO, de leden van het Bekaert Group Executive en de Senior Vice Presidents (zie laatste pagina van het Financieel overzicht).
| Vergoedingen Key Management | ||
|---|---|---|
| in duizend € | 2013 | 2014 |
| Aantal personen | 33 | 40 |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | ||
| Basisvergoedingen | 6 284 | 7 043 |
| Variabele vergoedingen | 249 | 4 227 |
| Vergoedingen als bestuurders van dochterondernemingen | 989 | 936 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | ||
| Toegezegdpensioenregelingen | 609 | 712 |
| Toegezegdebijdragenregelingen | 541 | 967 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 2 913 | 2 376 |
| Totaal brutovergoedingen | 11 585 | 16 261 |
| Gemiddelde brutovergoeding per persoon | 351 | 407 |
| 1 Aantal toegekende opties en stock appreciation rights |
442 000 | 251 500 |
1 Het aantal voor 2013 bevat een uitzonderlijke toekenning van opties en stock appreciation rights.
Voor de toelichtingen die betrekking hebben op de Belgische Corporate Governance Code verwijzen wij naar het hoofdstuk 'Corporate Governance' in dit jaarverslag.
Gedurende 2014 werden er door de commissaris en met hem beroepshalve in samenwerkingsverband opererende personen bijkomende opdrachten uitgevoerd ten belope van € 1 040 924.
Deze opdrachten betroffen in essentie verdere assurance-opdrachten (€ 46 375), belastingadviesdiensten (€ 872 647) en andere niet-controlediensten (€ 121 902).
De bijkomende opdrachten werden goedgekeurd door het Audit en Finance Comité.
De vergoedingen voor controlediensten voor NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen bedroegen € 1 693 989.
| Met industriële activiteit | Adres | % |
|---|---|---|
| EMEA | ||
| Bekaert Bohumín sro Bekaert Carding Solutions NV Bekaert Combustion Technology BV Bekaert Figline Srl Bekaert Hlohovec as Bekaert Izmit Celik Kord Sanayi ve Ticaret AS Bekaert Petrovice sro Bekaert Sardegna SpA Bekaert Slatina SRL Bekaert Slovakia sro Bekintex NV Cold Drawn Products Ltd Industrias del Ubierna SA OOO Bekaert Lipetsk Solaronics SA |
Bohumín, Tsjechië Deerlijk, België Assen, Nederland Milaan, Italië Hlohovec, Slovakije Izmit, Turkije Petrovice, Tsjechië Assemini, Italië Slatina, Roemenië Sládkovičovo, Slovakije Wetteren, België Bradford, Verenigd Koninkrijk Burgos, Spanje Gryazi, Rusland Armentières, Frankrijk |
100 100 100 100 100 100 100 100 80 100 100 100 100 100 100 |
| Noord-Amerika | ||
| Bekaert Canada Ltd Bekaert Corporation Wire Rope Industries Ltd Wire Rope Industries USA Inc |
Surrey, Canada Wilmington (Delaware), Verenigde Staten Pointe-Claire, Canada Wilmington (Delaware), Verenigde Staten |
100 100 52 100 |
| Latijns-Amerika | ||
| Acma SA Acmanet SA Bekaert Cimaf Cabos Ltda Bekaert Costa Rica SA Bekaert Sumaré Ltda BIA Alambres Costa Rica SA Ideal Alambrec SA Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA Procables SA Prodinsa SA Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS Productos de Acero Cassadó SA Vicson SA |
Santiago, Chili Talcahuano, Chili São Paulo, Brazilië San José-Santa Ana, Costa Rica Sumaré, Brazilië San José-Santa Ana, Costa Rica Quito, Ecuador Talcahuano, Chili Callao, Peru Maipú, Chili Bogotá, Colombia Callao, Peru Valencia, Venezuela |
52 52 100 58 100 58 58 52 50 52 80 38 80 |
| Pacifisch Azië | ||
| Bekaert Ansteel Tire Cord (Chongqing) Co Ltd Bekaert Binjiang Advanced Products Co Ltd Bekaert Binjiang Steel Cord Co Ltd Bekaert Carding Solutions Pvt Ltd Bekaert (China) Technology Research and Development Co Ltd Bekaert (Huizhou) Steel Cord Co Ltd Bekaert Industries Pvt Ltd Bekaert-Jiangyin Wire Products Co Ltd Bekaert Mukand Wire Industries Pvt Ltd Bekaert New Materials (Suzhou) Co Ltd Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd Bekaert (Shandong) Tire Cord Co Ltd Bekaert Shenyang Advanced Products Co Ltd Bekaert Southern Speciality Wire Sdn Bhd Bekaert Southern Wire Sdn Bhd Bekaert Toko Metal Fiber Co Ltd Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd China Bekaert Steel Cord Co Ltd PT Bekaert Indonesia |
Chongqing, China Jiangyin (provincie Jiangsu), China Jiangyin (provincie Jiangsu), China Pune, India Jiangyin (provincie Jiangsu), China Huizhou (provincie Guangdong), China Taluka Shirur, District Pune, India Jiangyin (provincie Jiangsu), China Pune, India Suzhou (provincie Jiangsu), China Qingdao (provincie Shandong), China Weihai (provincie Shandong), China Shenyang (provincie Liaoning), China Kuala Lumpur, Maleisië Kuala Lumpur, Maleisië Tokio, Japan Xinyu City (provincie Jiangxi), China Jiangyin (provincie Jiangsu), China Karawang, Indonesië |
50 90 90 100 100 100 100 82 100 100 100 100 100 55 55 70 75 90 100 |
| PT Bekaert Southern Wire | Karawang, Indonesië | 55 |
|---|---|---|
| Shanghai Bekaert-Ergang Co Ltd | Shanghai, China | 70 |
| Wuxi Bekaert Textile Machinery and Accessories Co Ltd | Wuxi (provincie Jiangsu), China | 100 |
| EMEA | ||
|---|---|---|
| Barnards Unlimited | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Bekaert AS Bekaert Carding Solutions Ltd |
Vejle, Denemarken Bradford, Verenigd Koninkrijk |
100 100 |
| Bekaert Carding Solutions SAS | Armentières, Frankrijk | 100 |
| Bekaert Emirates LLC | Dubai, Verenigde Arabische Emiraten | 49 |
| Bekaert France SAS | Antony, Frankrijk | 100 |
| Bekaert Ges mbH | Wenen, Oostenrijk | 100 |
| Bekaert GmbH | Neu-Anspach, Duitsland | 100 |
| Bekaert Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA | Aalst (Erembodegem) , België | 50 |
| Bekaert Middle East LLC | Dubai, Verenigde Arabische Emiraten | 49 |
| Bekaert Norge AS | Frogner, Noorwegen | 100 |
| Bekaert Poland Sp z oo Bekaert (Schweiz) AG |
Warschau, Polen Baden, Zwitserland |
100 100 |
| Bekaert Svenska AB | Göteborg, Zweden | 100 |
| Bekaert Tarak Aksesuarlari ve Makineleri Ticaret AS | Istanboel, Turkije | 100 |
| Lane Brothers Engineering Industries Leon Bekaert SpA |
Bradford, Verenigd Koninkrijk Trezzano Sul Naviglio, Italië |
100 100 |
| OOO Bekaert Wire | Moskou, Rusland | 100 |
| Rylands-Whitecross Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Scheldestroom NV | Zwevegem, België | 100 |
| Sentinel Garden Products Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Sentinel Wire Fencing Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Sentinel (Wire Products) Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Solaronics GmbH | Achim, Duitsland | 100 |
| Tinsley Wire Ltd | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Twil Company | Bradford, Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Bekaert Carding Solutions Inc / Bekaert Solutions de Cardage Inc | Saint John, Canada | 100 |
|---|---|---|
| Bekaert Specialty Films de Mexico SA de CV | Monterrey, Mexico | 100 |
| Bekaert Trade Mexico S de RL de CV | Mexico Stad, Mexico | 100 |
| Specialty Films de Services Company SA de CV | Monterrey, Mexico | 100 |
Noord-Amerika
| Bekaert Guatemala SA | Guatemala Stad, Guatemala | 100 |
|---|---|---|
| Bekaert Trade Latin America NV | Curaçao, Nederlandse Antillen | 100 |
| Prodac Contrata SAC | Callao, Peru | 38 |
| Prodac Selva SAC | Ucayali, Peru | 38 |
| Prodalam SA | Santiago, Chili | 52 |
| Prodinsa Ingeniería y Proyectos SA | Santiago, Chili | 52 |
| Bekaert Advanced Products (Shanghai) Co Ltd | Shanghai, China | 100 |
|---|---|---|
| Bekaert Japan Co Ltd | Tokio, Japan | 100 |
| Bekaert Korea Ltd | Seoel, Korea | 100 |
| Bekaert Management (Shanghai) Co Ltd | Shanghai, China | 100 |
| Bekaert Singapore Pte Ltd | Singapore | 100 |
| Bekaert Taiwan Co Ltd | Taipei, Taiwan | 100 |
| Cempaka Raya Sdn Bhd | Kuala Lumpur, Maleisië | 55 |
| PT Bekaert Trade Indonesia | Karawang, Indonesië | 100 |
| Financiële ondernemingen | Adres | % |
|---|---|---|
| Acma Inversiones Canada SA Acma Inversiones SA Becare Ltd Bekaert Building Products Hong Kong Ltd Bekaert Carding Solutions Hong Kong Ltd Bekaert Coördinatiecentrum NV Bekaert do Brasil Ltda Bekaert Holding Hong Kong Ltd Bekaert Ibérica Holding SL Bekaert Ideal SL Bekaert Investments NV Bekaert Investments Italia SpA Bekaert North America Management Corporation Bekaert Sàrl Bekaert Services Hong Kong Ltd Bekaert Southern Wire Pte Ltd Bekaert Specialty Wire Products Hong Kong Ltd Bekaert Stainless Products Hong Kong Ltd Bekaert Steel Cord Products Hong Kong Ltd Bekaert Strategic Partnerships Hong Kong Ltd Bekaert Wire Products Hong Kong Ltd Bekaert Wire Rope Industry NV Bekaert Xinyu Hong Kong Ltd Impala SA Industrias Acmanet Ltda Inversiones Bekaert Andean Ropes Ltda InverVicson SA Procables Wire Ropes SA Procercos SA |
Talcahuano, Chili Talcahuano, Chili Dublin, Ierland Hong Kong, China Hong Kong, China Zwevegem, België Contagem, Brazilië Hong Kong, China Burgos, Spanje Burgos, Spanje Zwevegem, België Trezzano Sul Naviglio, Italië Wilmington (Delaware), Verenigde Staten Luxemburg, Luxemburg Hong Kong, China Singapore Hong Kong, China Hong Kong, China Hong Kong, China Hong Kong, China Hong Kong, China Zwevegem, België Hong Kong, China Panama, Panama Talcahuano, Chili Santiago, Chili Valencia, Venezuela Maipú, Chili Talcahuano, Chili |
52 52 100 100 100 100 100 100 100 80 100 100 100 100 100 55 100 100 100 100 100 100 100 52 52 100 80 52 52 |
| Joint ventures Met industriële activiteit |
Adres | % |
| Latijns-Amerika | ||
| Belgo Bekaert Arames Ltda BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda |
Contagem, Brazilië Vespasiano, Brazilië |
45 45 |
| Pacifisch Azië | ||
| Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd | Xinyu City (provincie Jiangxi), China | 50 |
| Verkoopkantoren, magazijnen en andere | Adres | % |
|---|---|---|
| EMEA | ||
| Netlon Sentinel Ltd | Blackburn, Verenigd Koninkrijk | 50 |
| Pacifisch Azië | ||
| Bekaert Engineering (India) Pvt Ltd BOSFA Pty Ltd |
New Delhi, India Port Melbourne, Australië |
40 50 |
| Dochterondernemingen | Adres | % |
|---|---|---|
| Acma Inversiones Canada SA | Talcahuano, Chili | 52 |
| Bekaert Wire Rope Industry NV | Zwevegem, België | 100 |
| Inversiones Bekaert Andean Ropes Ltda | Santiago, Chili | 100 |
| Procables Wire Ropes SA | Maipú, Chili | 52 |
| Procercos SA | Talcahuano, Chili | 52 |
| Prodinsa SA | Maipú, Chili | 52 |
| Subsidiaries | Address | |
|---|---|---|
| Bekaert Cimaf Cabos Ltda | São Paulo, Brazilië | From 45% to 100% |
| Bekaert Figline Srl | Milaan, Italië | From 0% to 100% |
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA | Aalst (Erembodegem), België | From 0% to 50% |
| Bekaert Slatina SRL | Slatina, Roemenië | From 0% to 80% |
| Bekaert Sumaré Ltda | Sumaré, Brazilië | From 0% to 100% |
| BIA Alambres Costa Rica SA | San José-Santa Ana, Costa Rica | From 0% to 58% |
| Dochterondernemingen | Adres | |
|---|---|---|
| Bekaert Costa Rica SA | San José-Santa Ana, Costa Rica | From 80% to 58% |
| Bekaert Mukand Wire Industries Pvt Ltd | Pune, India | From 94% to 100% |
| Ideal Alambrec SA | Quito, Ecuador | From 80% to 58% |
| Wire Rope Industries USA Inc | Wilmington (Delaware), Verenigde Staten |
From 52% to 100% |
| Wuxi Bekaert Textile Machinery and Accessories Co Ltd | Wuxi (provincie Jiangsu), China | From 75% to 100% |
| 4. Fusies / omvormingen | ||
| Dochterondernemingen | Gefusioneerd met | |
| Productos de Acero SA Prodinsa | Prodinsa S.A. | |
| 5. Naamswijzigingen | ||
| Nieuwe naam | Vorige naam | |
| Wire Rope Industries USA Inc | Wire Rope Industries Inc | |
| 6. Gesloten | ||
| Ondernemingen | Adres | |
| Bekaert Combustion Technology Ltd | Solihull, Verenigd Koninkrijk |
In overeenstemming met de Belgische wetgeving geeft onderstaande tabel de kruispuntbanknummers van de Belgische ondernemingen weer.
Bekaert Faser Vertriebs GmbH Idstein, Duitsland Bekaert Specialty Films Hong Kong Hong Kong, China
| Ondernemingen | Kruispuntbanknummer |
|---|---|
| Bekaert Carding Solutions NV | BTW BE 0405.443.271 RPR Kortrijk |
| Bekaert Coördinatiecentrum NV | BTW BE 0426.824.150 RPR Kortrijk |
| Bekaert Investments NV | BTW BE 0406.207.096 RPR Kortrijk |
| Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA | BTW BE 0561.750.457 RPR Dendermonde |
| Bekaert Wire Rope Industry NV | BTW BE 0550 983 358 RPR Kortrijk |
| Bekintex NV | BTW BE 0452.746.609 RPR Dendermonde |
| NV Bekaert SA | BTW BE 0405.388.536 RPR Kortrijk |
| Scheldestroom NV | BTW BE 0403.676.188 RPR Kortrijk |
Het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap NV Bekaert SA worden hierna in verkorte vorm weergegeven.
Het verslag van de Raad van Bestuur ex artikel 96 van het Wetboek van vennootschappen is niet integraal opgenomen in het verslag ex artikel 119.
Exemplaren van het volledig verslag van de Raad van Bestuur en van de volledige statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA zijn op verzoek gratis beschikbaar op volgend adres:
NV Bekaert SA President Kennedypark 18 BE-8500 Kortrijk België www.bekaert.com
De Commissaris heeft een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud gegeven met betrekking tot de statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA.
Conform de wet zullen het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de jaarrekening van NV Bekaert SA samen met het verslag van de Commissaris worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.
| 2013 in duizend € - Jaren afgesloten op 31 december |
2014 |
|---|---|
| Omzet 386 339 |
413 834 |
| Bedrijfsresultaat -4 122 |
44 843 |
| Financieel resultaat 5 644 |
7 062 |
| Uitzonderlijke resultaat 61 009 |
18 046 |
| Winstbelastingen 1 013 |
1 303 |
| Perioderesultaat 63 544 |
71 254 |
| in duizend € - 31 december | 2013 | 2014 |
|---|---|---|
| Vaste activa | 2 156 880 | 2 369 972 |
| Oprichtingskosten en immateriële vaste activa | 28 327 | 77 307 |
| Materiële vaste activa | 33 298 | 30 894 |
| Financiële vaste activa | 2 095 255 | 2 261 771 |
| Vlottende activa | 282 046 | 376 039 |
| Totaal der activa | 2 438 926 | 2 746 011 |
| Eigen vermogen | 505 637 | 530 209 |
| Kapitaal | 176 773 | 176 914 |
| Uitgiftepremies | 31 055 | 31 693 |
| Herwaarderingsmeerwaarden | 1 995 | 1 995 |
| Wettelijke reserve | 17 677 | 17 691 |
| Onbeschikbare reserves | 42 507 | 145 940 |
| Beschikbare reserves en overgedragen resultaten | 235 630 | 155 976 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 77 635 | 69 421 |
| Schulden | 1 855 654 | 2 146 381 |
| Schulden op meer dan een jaar | 1 145 764 | 1 045 764 |
| Schulden op ten hoogste een jaar | 709 890 | 1 100 617 |
| Totaal der passiva | 2 438 926 | 2 746 011 |
De waarderings- en omrekeningsregels gebruikt voor de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap zijn gebaseerd op het Belgisch boekhoudrecht.
De omzet van de in België gevestigde vennootschap bedroeg € 413,8 miljoen, een verhoging met 7% in vergelijking met 2013.
De operationeel winst bedroeg € 44,8 miljoen, tegenover een bedrijfsverlies van € -4,1 miljoen vorig jaar. Een toename van de marge, voortvloeiend uit de verlengde toepassing van de kapitalisatie van R&D projectkosten en de terugname van voorzieningen, zijn de belangrijkste redenen voor een stijging van het operationeel verlies.
De financiële resultaten stegen tot € 7,1 miljoen tegenover een winst van € 5,6 miljoen in 2013, omwille van hogere dividendinkomsten (2014: € 62,6 miljoen vergeleken met € 48,7 miljoen in 2013), de herwaardering van eigen aandelen (2014: € 2,2 miljoen vergeleken met € 6.7 miljoen in 2013) en andere financiële kosten.
De uitzonderlijke resultaten bedroegen € 18,0 miljoen, hoofdzakelijk als gevolg van de winst bij de verkoop van immateriële en materiële vaste activa en uitzonderlijke afschrijvingen. Vorig jaar was het uitzonderlijk resultaat van € 61 miljoen hoofdzakelijk het gevolg van de winst uit de verkoop van materiële vaste activa en waardeverminderingen op financiële vaste activa.
De combinatie van enerzijds de bedrijfswinst en anderzijds het financieel en uitzonderlijk resultaat verklaren het perioderesultaat van € 71,3 miljoen in vergelijking met € 63,5 miljoen in 2013.
De voorziening voor milieusaneringsprogramma's is gedaald tot € 23,2 miljoen (2013: € 30,3 miljoen).
Meer informatie omtrent de activiteiten van de onderneming inzake onderzoek en ontwikkeling vindt u in het hoofdstuk 'Technologie en Innovatie' in het 'Verslag van de Raad van Bestuur'.
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft NV Bekaert SA aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,50% toegevoegd. Hierna volgt een overzicht van de actuele kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer. Op 31 december 2014 bedroeg het totale aantal effecten met stemrecht 60 111 405.
| Kennisgever | Aantal aandelen |
Percentage t.o.v. totaal aantal aandelen |
|---|---|---|
| Stichting Administratiekantoor Bekaert | 22 370 001 | 37,22% |
| Velge International NV | 57 000 | 0,09% |
| Berfin SA | 108 470 | 0,18% |
| Gedecor SA | 75 000 | 0,12% |
| Millenium 3 SA | 130 200 | 0,22% |
| Zweve (maatschap) | 220 000 | 0,37% |
| Totaal | 22 960 671 | 38,21% |
De kennisgevers hebben aangegeven in onderling overleg te handelen in die zin dat ze een akkoord hebben gesloten (a) dat ertoe strekt de controle te verkrijgen, het welslagen van een bod te beletten dan wel de controle te handhaven, en (b) aangaande de onderling afgestemde uitoefening van stemrechten, om een duurzaam gemeenschappelijk beleid te voeren.
De Stichting Administratiekantoor Bekaert wordt niet gecontroleerd. Velge International NV wordt gecontroleerd door een persoon, via Noral SA en haar in volledige eigendom gehouden dochteronderneming Triplex SA. Berfin SA wordt gecontroleerd door een persoon. Gedecor SA wordt gezamenlijk gecontroleerd door twee personen. Millenium 3 SA wordt gecontroleerd door een persoon, via Charisa SA. Zweve (maatschap) is gezamenlijke eigendom van zeven personen.
| Kennisgever | Aantal aandelen |
Percentage t.o.v. totaal aantal aandelen |
|---|---|---|
| Stichting Administratiekantoor Bekaert | 22 370 001 | 37,23% |
| NV Bekaert SA | 3 005 875 | 5,00% |
| Totaal | 25 375 876 | 42,23% |
Stichting Administratiekantoor Bekaert is de controlerende persoon van de onderneming.
Op 8 december 2007 had de Stichting Administratiekantoor Bekaert, krachtens artikel 74 van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen, gemeld op 1 september 2007 alleen in het bezit te zijn van meer dan 30% van de effecten met stemrecht van Bekaert.
Het resultaat van het boekjaar na belastingen bedraagt € 71 254 650 tegenover € 63 544 449 vorig boekjaar.
De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering van 13 mei 2015 het resultaat als volgt zal bestemmen:
| in € | |
|---|---|
| Te bestemmen resultaat van het boekjaar | 71 254 650 |
| Overgedragen winst van het vorig boekjaar | 13 868 834 |
| Toevoeging aan de wettelijke reserve | -14 100 |
| Over te dragen winst | -37 648 448 |
| Uit te keren winst | 47 460 936 |
De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering een brutodividend zal uitkeren van € 0,85 per aandeel (2013: € 0,85 per aandeel).
Het dividend is in euro betaalbaar op 19 mei 2015 bij de loketten van:
De ambtstermijn van de bestuurders Heren Bert De Graeve, Leon Bekaert, Roger Dalle, Charles de Liedekerke, Hubert Jacobs van Merlen en Maxime Jadot en van de onafhankelijk bestuurder Dr Manfred Wennemer vervallen na afloop van de Gewone Algemene Vergadering van 13 mei 2015. In verband met de door het Bekaert Corporate Goverance Charter bepaalde leeftijdsgrens is Mr Roger Dalle niet herverkiesbaar. De Raad van Bestuur heeft Dr Gregory Dalle als bestuurder voorgedragen.
De Raad van Bestuur heeft de Algemene Vergadering voorgesteld:
Bedrijfsrevisoren / Reviseurs d'Entreprises Berkenlaan 8b B-1831 Diegem
Tel.: +32 2 800 20 00 Fax: +32 2 800 20 01 http://www.deloitte.be
Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening, en omvat tevens ons verslag over andere door wet- en regelgeving gestelde eisen. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2014, de geconsolideerde winst- en verliesrekening, het geconsolideerde overzicht van het volledig perioderesultaat, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor het boekjaar eindigend op die datum, alsmede een overzicht van de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en toelichtingen.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA ("de vennootschap") en haar dochterondernemingen (samen "de groep"), opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. De totale activa in de geconsolideerde balans bedragen 3.957.715 (000) EUR en de geconsolideerde winst (aandeel van de groep) van het boekjaar bedraagt 87.176 (000) EUR.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor het implementeren van een interne controle die ze noodzakelijk acht voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat, die het gevolg is van fraude of van fouten.
Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle volgens de internationale controlestandaarden (International Standards on Auditing - ISA) uitgevoerd. Die standaarden vereisen dat wij aan de deontologische vereisten voldoen alsook de controle plannen en uitvoeren teneinde een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijking van materieel belang bevat.
Een controle omvat werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de beoordeling door de commissaris, met inbegrip van diens inschatting van de risico's van een afwijking van
materieel belang in de geconsolideerde jaarrekening als gevolg van fraude of van fouten. Bij het maken van die risico-inschatting neemt de commissaris de interne controle van de groep in aanmerking die relevant is voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft, teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet gericht zijn op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne controle van de groep. Een controle omvat tevens een evaluatie van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving, de redelijkheid van de door de raad van bestuur gemaakte schattingen, alsmede de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening als geheel. Wij hebben van de aangestelden en van de raad van bestuur van de groep de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om daarop ons oordeel te baseren.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de groep per 31 december 2014, en van haar resultaten en kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en voor de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden, is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, de naleving van bepaalde wettelijke en reglementaire verplichtingen na te gaan. Op grond hiervan doen wij de volgende bijkomende verklaring die niet van aard is om de draagwijdte van ons oordeel over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:
• Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening behandelt de door de wet vereiste inlichtingen, stemt overeen met de geconsolideerde jaarrekening en bevat geen van materieel belang zijnde inconsistenties ten aanzien van de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.
Diegem, 25 maart 2015
De commissaris DELOITTE Bedrijfsrevisoren BV o.v.v.e. CVBA Vertegenwoordigd door
Joël Brehmen
Deloitte Bedrijfsrevisoren / Reviseurs d'Entreprises
Registered Office: Berkenlaan 8b, B-1831 Diegem
Burgerlijke vennootschap onder de vorm van een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid / Société civile sous forme d'une société coopérative à responsabilité limitée
VAT BE 0429.053.863 – RPR Brussel/RM Bruxelles – IBAN BE 17 2300 0465 6121 – BIC GEBABEBB
| Matthew Taylor | Gedelegeerd Bestuurder |
|---|---|
| Bruno Humblet | Chief Financial Officer & Algemeen Directeur Regio Latijns-Amerika |
| Lieven Larmuseau | Algemeen Directeur Rubber Reinforcement Platform |
| Curd Vandekerckhove | Algemeen Directeur Regio' s Noord-Azië en Zuidoost-Azië |
| Geert Van Haver | Chief Technology & Engineering Officer |
| Piet Van Riet | Algemeen Directeur Industrial and Specialty Products Platform |
| Frank Vromant | Algemeen Directeur Regio's Europa, Noord-Amerika en Zuid-Azië |
| Bart Wille | Chief Human Resources Officer |
| Senior Vice President Bekaert South East Asia | |
|---|---|
| Senior Vice President Rubber Reinforcement ERMEA | |
| Senior Vice President Group Business Development | |
| Senior Vice President Technology, Rubber Reinforcement Platform | |
| Senior Vice President Bekaert Stainless Technologies | |
| Chief Purchasing Officer | |
| Senior Vice President Rubber Reinforcement North Asia | |
| Senior Vice President Bekaert Brazil | |
| Senior Vice President - President Rubber Reinforcement North America & President of Bekaert Corporation |
|
| Senior Vice President Latin America | |
| Chief Marketing Officer | |
| Senior Vice President Special Steel Wire | |
| Senior Vice President Manufacturing Excellence | |
| Senior Advisor to the CEO | |
| Senior Vice President Global Ropes Platform | |
Isabelle Vander Vekens
Deloitte Bedrijfsrevisoren
T +32 56 23 05 71 [email protected] F +32 56 23 05 48 [email protected] [email protected]
Katelijn Bohez www.bekaert.com
Het jaarverslag betreffende het boekjaar 2014 is beschikbaar op het internet in het Engels en Nederlands op annualreport.bekaert.com
Uitgever & Coördinatie: Katelijn Bohez, Chief Communications & Investor Relations Officer
| Boekwaarde per aandeel | Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep gedeeld door het aantal uitstaande aandelen op balansdatum. |
|
|---|---|---|
| Dividendrendement | Brutodividend als een percentage van de aandelenkoers op 31 december. | |
| Dochterondernemingen | Ondernemingen waarin Bekaert de zeggenschap heeft en over het algemeen meer dan 50% van de stemrechten bezit. |
|
| EBIT | Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation). | |
| EBIT interestdekking | Bedrijfsresultaat gedeeld door de nettorentelasten. | |
| EBITDA (Bedrijfscashflow) | Bedrijfsresultaat (EBIT) + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill. |
|
| Eenmalige opbrengsten en kosten |
Bedrijfsopbrengsten en -kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieu voorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben. |
|
| Equity-methode | Waarderingsmethode waarbij de deelneming (in een joint venture of geassocieerde onderneming) initieel opgenomen wordt tegen kostprijs en later aangepast wordt voor wijzigingen in het aandeel van de investeerder in de nettoactiva (= het eigen vermogen) van de joint venture of geassocieerde onderneming. De winst-en verliesrekening toont het aandeel van de investeerder in het nettoresultaat van de joint venture of geassocieerde onderneming. |
|
| Financiële autonomie | Eigen vermogen in verhouding tot totaal activa. | |
| Gearing | Nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen. | |
| Geassocieerde ondernemingen |
Ondernemingen waarin Bekaert een invloed van betekenis heeft, meestal vertegenwoordigd door een belang van minstens 20%. Geassocieerde ondernemingen worden gewaardeerd volgens de equity-methode. |
|
| Gezamenlijke cijfers | Som van de geconsolideerde vennootschappen plus 100% van de joint ventures en de geassocieerde ondernemingen, na eliminatie van onderlinge transacties (indien van toepassing). Voorbeelden: omzet, investeringen, personeelsaantal. |
|
| Joint ventures | Ondernemingen met een gezamenlijke zeggenschap waarbij Bekaert ongeveer 50% bezit. Joint ventures worden gewaardeerd volgens de equity-methode. |
|
| Kapitaalgebruik | Werkkapitaal + nettoboekwaarde van goodwill, immateriële en materiële vaste activa. Het gemiddeld kapitaalgebruik wordt gewogen met het aantal perioden dat een entiteit bijgedragen heeft tot het geconsolideerd perioderesultaat. |
|
| Nettokapitalisatie | Nettoschuld + eigen vermogen. | |
| Nettoschuld | Rentedragende schulden, verminderd met vorderingen uit leningen, geldbeleggingen, financiële vorderingen op ten hoogste één jaar en kaswaarborgen op meer dan één jaar, geldmiddelen en kasequivalenten. Louter voor de berekening van de schuld wordt bij de waardering van de rentedragende schulden rekening gehouden met het effect van cross-currency interest-rate swaps (of gelijkaardige financiële instrumenten) die deze schulden omzetten in de functionele valuta van de entiteit. |
|
| REBIT | Bedrijfsresultaat (EBIT) vóór eenmalige opbrengsten en kosten. | |
| ROCE | Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gemiddeld kapitaalgebruik. (Return on Capital Employed). |
|
| ROE | Perioderesultaat in verhouding tot gemiddeld eigen vermogen (Return on Equity). | |
| Toegevoegde waarde | Bedrijfsresultaat (EBIT) + bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill. |
|
| Werkkapitaal (operationeel) | Voorraden + handelsvorderingen + ontvangen bankwissels + betaalde voorschotten - handelsschulden - ontvangen voorschotten - schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid - belastingen m.b.t. personeel. |
De ondertekenende personen verklaren dat, voorzover hen bekend:
Namens de Raad van Bestuur:
Matthew Taylor Bert De Graeve Gedelegeerd Bestuurder Voorzitter van de Raad van Bestuur
Dit rapport kan toekomstgerichte verklaringen bevatten. Die verklaringen reflecteren de huidige inzichten van de bedrijfsleiding aangaande toekomstige gebeurtenissen, en zijn onderhevig aan bekende en onbekende risico's, onzekerheden en andere factoren die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten aanzienlijk verschillen van toekomstige resultaten of prestaties die door die toekomstgerichte verklaringen worden uitgedrukt of die daaruit zouden kunnen worden afgeleid. Bekaert verstrekt de in dit rapport opgenomen informatie per huidige datum en neemt geen enkele verplichting op om de toekomstgerichte verklaringen in het licht van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderszins te actualiseren. Bekaert wijst elke aansprakelijkheid af voor verklaringen die door derden worden afgelegd of gepubliceerd, en neemt geen enkele verplichting op om onnauwkeurige gegevens, informatie, conclusies of opinies te corrigeren die door derden worden gepubliceerd met betrekking tot dit of enig ander rapport of persbericht dat door Bekaert wordt verspreid.
| Activiteitenverslag 1ste kwartaal 2015 | 13 mei 2015 |
|---|---|
| Algemene Vergadering van aandeelhouders | 13 mei 2015 |
| Ex-dividend | 15 mei 2015 |
| Betaalbaarstelling dividend | 19 mei 2015 |
| Halfjaarresultaten 2015 | 31 juli 2015 |
| Activiteitenverslag 3de kwartaal 2015 | 13 november 2015 |
| Resultaten 2015 | 26 februari 2016 |
| Jaarverslag 2015 beschikbaar op internet | 25 maart 2016 |
| Activiteitenverslag 1ste kwartaal 2016 | 11 mei 2016 |
| Algemene Vergadering van aandeelhouders | 11 mei 2016 |
| Ex-dividend | 12 mei 2016 |
| Betaalbaarstelling dividend | 16 mei 2016 |
| Halfjaarresultaten 2016 | 29 juli 2016 |
| Activiteitenverslag 3de kwartaal 2016 | 18 november 2016 |
www.bekaert.com
Aandeelhoudersbrochure 2014: investor's data center op bekaert.com
NV Bekaert SA President Kennedypark 18 BE-8500 Kortrijk België T +32 56 23 05 11 F +32 56 23 05 43 [email protected] www.bekaert.com
© Bekaert 2015
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.