AI Terminal

MODULE: AI_ANALYST
Interactive Q&A, Risk Assessment, Summarization
MODULE: DATA_EXTRACT
Excel Export, XBRL Parsing, Table Digitization
MODULE: PEER_COMP
Sector Benchmarking, Sentiment Analysis
SYSTEM ACCESS LOCKED
Authenticate / Register Log In

Bekaert NV

Annual Report Mar 27, 2015

3915_10-k_2015-03-27_89cd7451-3875-48a2-af24-a9c143cf1801.pdf

Annual Report

Open in Viewer

Opens in native device viewer

Jaarverslag 2014

Inhoudstafel

1 STRATEGIE EN LEIDERSCHAP

  • 2 Woord van de Voorzitter en
  • de Gedelegeerd bestuurder
  • 3 Raad van Bestuur
  • 4 Bekaert Group Executive
  • 5 Strategie

8 SECTORIEEL AANBOD

9 PRESTATIES PER SEGMENT

  • 10 EMEA
  • 12 Noord-Amerika
  • 14 Latijns-Amerika
  • 17 Pacifisch Azië

20 TECHNOLOGIE EN INNOVATIE

24 DUURZAAM ONDERNEMEN

  • 25 Onze verantwoordelijkheid op de werkplek
  • 27 Onze verantwoordelijkheid in de markten en tegenover het milieu
  • 29 Onze verantwoordelijkheid tegenover de Maatschappij

30 VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR CONFORM ARTIKEL 119 VAN HET WETBOEK VAN VENNOOTSCHAPPEN

  • 30 Kerncijfers
  • 30 Kerncijfers per segment
  • 31 Samenvatting van het financieel overzicht
  • 34 Corporate governance verklaring
  • 34 Raad van bestuur en Uitvoerend Management
  • 39 Renumeratie verslag
  • 45 Aandelen
  • 50 Controle en ERM
  • 53 Verwijzingen

Financieel overzicht

  • 4 Geconsolideerde jaarrekening
  • 9 Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening
  • 101 Informatie m.b.t de moedervennootschap
  • 105 Verslag van de commissaris
  • 107 Addendum

Strategie en leiderschap

Woord van de Gedelegeerd Bestuurder en de Voorzitter

2014 was een jaar van solide organische groei voor Bekaert. We hebben onze strategische posities in hoogcompetitieve markten verdedigd en ondanks een zwakker laatste kwartaal stegen onze volumes met 3%, in lijn met de stijgende vraag in automobielmarkten.

De omzet bleef ongeveer stabiel in vergelijking met 2013 en reflecteerde de prijserosie waarmee we geconfronteerd werden in China, de ongunstige wisselkoersschommelingen en de daling van de grondstofprijzen die we doorrekenen aan onze klanten. Het operationeel resultaat bedroeg € 171 miljoen, een stijging met 25% tegenover vorig jaar; de operationele cash flow steeg tot bijna 11% van de omzet. Deze cijfers reflecteerden evenwel positieve eenmalige effecten in vergelijking met vorig jaar.

Globaal genomen legden we betere resultaten voor dan in 2013, maar we slaagden er voorlopig niet in onze langetermijn rentabiliteitsdoel te behalen. Uit de vooruitzichten blijkt dat noch de wereldwijde marktomstandigheden noch de prijsconcurrentie in China het tij zullen helpen keren.

We moeten beter doen en we weten dat we beter kunnen doen. Daarom hebben we een plan uitgewerkt om de performantie van Bekaert te verhogen.

Ons doel is om consistent waarde te creëren voor de aandeelhouders en we zijn er vast van overtuigd dat dit begint bij waardecreatie voor onze klanten.

Daarom hebben we de lat hoger gelegd en hebben we ambitieuze doelen gesteld voor 2015 en de komende jaren.

We zijn vastberaden om ons markt- en technologisch leiderschap te benutten, omdat we op basis van ons verleden en uit ervaring weten dat dit zal leiden tot duurzame rendabele groei.

We vangen 2015 aan met de versterking van onze leidinggevende positie in bandenmarkten dankzij de integratie van de staalkoordactiviteiten van Pirelli – Bekaerts grootste acquisitie ooit. Dit zal ons toelaten om bijkomende schaalvoordelen te benutten in onze staalkoordactiviteiten en onze technologische positionering en dienstverlening voor deze sector te verbeteren. We hebben ook een wereldwijde leidinggevende positie in kabels voor de mijnbouw veroverd na de overname van een kabelfabriek in Australië.

Groei door overnames is uiteraard niet onze enige strategie. Afgelopen jaar hebben we de strategieën verfijnd die we zullen toepassen om groei te genereren op het vlak van omzet, marges en rendement op geïnvesteerd kapitaal. Deze strategieën vormen de basis voor een sterkere business.

We hebben 5 kernstrategieën vastgelegd die onze onderneming sterker zullen maken en ons in staat zullen stellen onze doelstellingen te bereiken. Deze strategieën bepalen vanaf nu de richting en de prioriteiten voor de onderneming:

  • We brengen de klant in het hart van onze organisatie;
  • we sturen groei aan door het bieden van superieure klantenwaarde;
  • we versnellen het technologisch leiderschap van Bekaert en de marktintroductietijd van focusproducten en -processen;
  • we benutten onze schaalvoordelen beter en reduceren onze complexiteit om dit mogelijk te maken;
  • we leveren het beoogde waardevoorstel aan onze klanten aan de laagst mogelijke totale kost.

Deze vijf strategieën zetten een veranderingsproces in voor onze onderneming. We organiseren ons om ze te verwezenlijken ten behoeve van onze klanten en al onze stakeholders.

De strategie is duidelijk, de objectieven zijn duidelijk en de volledige Raad van Bestuur en het management team zijn vastberaden om te slagen in ons opzet.

Op basis van de financiële resultaten van 2014 en het vertrouwen in de vooropgestelde richting, heeft de Raad van Bestuur beslist om aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders in mei 2015 een bruto dividend van € 0,85 per aandeel voor te stellen. Op deze manier beklemtonen we ons engagement in het laten terugvloeien van waarde naar onze aandeelhouders in ruil voor het kapitaal dat ze ons verschaffen om onze business te runnen en te laten groeien.

We willen onze klanten, partners en aandeelhouders bedanken voor hun blijvend vertrouwen. En we willen onze medewerkers bedanken voor hun engagement en gedrevenheid om de uitdaging aan te gaan onze objectieven te bereiken.

Matthew Taylor, Gedelegeerd Bestuurder Bert De Graeve, Voorzitter

Raad van Bestuur

De voornaamste taken van de Raad van Bestuur zijn het bepalen van het algemeen beleid van de onderneming, het goedkeuren van de strategie en het opvolgen van de evolutie van de verschillende activiteiten. De Raad van Bestuur is het belangrijkste beslissingsorgaan van de onderneming. Enkel aangelegenheden die door de wet of de statuten zijn voorbehouden aan de Algemene Vergadering van aandeelhouders, vallen niet onder zijn bevoegdheid. De Raad van Bestuur telt veertien leden.

Van links naar rechts: François de Visscher - Bernard van de Walle de Gelcke - Baudouin Velge - Lady Barbara Thomas Judge - Alan Begg - Matthew Taylor, Gedelegeerd Bestuurder - Bert De Graeve, Voorzitter - Ms Mei Ye - Roger Dalle - Maxime Jadot - Manfred Wennemer - Charles de Liedekerke - Hubert Jacobs van Merlen - Leon Bekaert

Op 14 mei 2014 werd Bert De Graeve Voorzitter van de Raad van Bestuur in opvolging van Paul Buysse die met pensioen ging, in lijn met de bij Bekaert geldende leeftijdsgrens.

Matthew Taylor werd benoemd als Gedelegeerd Bestuurder en lid van de Raad van Bestuur, in opvolging van Bert De Graeve.

Nog op 14 mei 2014 werd mevrouw Mei Ye onafhankelijk lid van de Raad van Bestuur terwijl Anthony Galsworthy terugtrad uit de Raad, conform de bij Bekaert geldende pensioenleeftijd.

De wijzigingen in de Raad van Bestuur hebben ook geleid tot verschillende wijzigingen in de samenstelling van de Comités van de Raad van Bestuur.

In het kader van de bereikte pensioenleeftijd die Bekaert toepast, traden Graaf Buysse en Sir Anthony Galsworthy terug uit de Raad van Bestuur in mei 2014.

Graaf Buysse ging met pensioen na 14 jaar Voorzitterschap van de Raad van Bestuur en werd tot Erevoorzitter benoemd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 14 mei 2014.

Sir Anthony Galsworthy ging op dezelfde dag met pensioen, na 10 jaar lid te zijn geweest van de Raad van Bestuur.

Matthew Taylor werd benoemd als Gedelegeerd Bestuurder in opvolging van Bert De Graeve die Voorzitter werd van de Raad van Bestuur.

Bekaert Group Executive

Samenstelling op 31 december 2014: rechtstaand, van links naar rechts: Dominique Neerinck - Bart Wille - Lieven Larmuseau - Curd Vandekerckhove - Piet Van Riet. Zittend, van links naar rechts: Geert Van Haver - Matthew Taylor - Bruno Humblet - Frank Vromant

Het Bekaert Group Executive draagt de operationele verantwoordelijkheid voor de activiteiten van de onderneming. Het uitvoerend management – voorgezeten door de Gedelegeerd Bestuurder – telde negen leden op 31 december 2014. Het Bekaert Group Executive treedt op onder toezicht van de Raad van Bestuur.

Op 14 mei 2014 werd Matthew Taylor Gedelegeerd Bestuurder van Bekaert in opvolging van Bert De Graeve, die Voorzitter van de Raad van Bestuur werd.

Nota: De samenstelling van het BGE zal veranderen in 2015. Informatie is beschikbaar in het Corporate Governance hoofdstuk op pagina 38.

Onze strategie

Wie zijn we

Bekaert is een wereldmarkt- en technologisch leider in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën. Door het continu creëren van toegevoegde waarde streven we ernaar de voorkeurleverancier voor

staaldraadproducten en –oplossingen te zijn voor onze klanten wereldwijd. Bekaert (Euronext Brussels: BEKB) werd opgericht in 1880 en is een globale onderneming die wereldwijd 30 000 medewerkers telt, met hoofdzetel in België en een jaaromzet van € 4 miljard.

Staaldraad … We transformeren het, passen geavanceerde deklaagtechnologieën toe, en specialiseren ons in het voortdurend verbeteren van alle mogelijke eigenschappen van staaldraadproducten. Ontdek de Wereld van Bekaert…

Wat doen we

Bekaert past unieke technologieën toe om op wereldwijde schaal een kwaliteitsportefeuille van getrokken staaldraadproducten en deklaagoplossingen aan te bieden. We kopen jaarlijks ongeveer 3 miljoen ton walsdraad, onze belangrijkste grondstof, aan. Afhankelijk van de wensen van onze klanten, trekken we draad tot diverse diameters en sterktes, zelfs tot ultrafijne vezels van 1 micron. We bundelen draden tot koord, kabels en strengen, weven of breien ze tot een weefsel of verwerken ze als eindproduct. Onze deklagen verminderen wrijving, verhogen de corrosiebestendigheid of bevorderen de adhesie met andere materialen.

Onze aanpak

better together beschrijft de unieke samenwerking tussen Bekaert en haar zakenpartners. We creëren waarde voor onze klanten door het leveren en co-creëren van een kwaliteitsportfolio van staaldraadoplossingen en door het bieden van dienstverlening op maat in alle continenten. We geloven in blijvende relaties met onze klanten, leveranciers en andere stakeholders en we verbinden ons ertoe om hen langetermijn waarde te leveren. We zijn ervan overtuigd dat de veerkracht, het vertrouwen en de integriteit die onze 30 000 medewerkers wereldwijd verenigen als één team, de fundamenten vormen van duurzame en succesvolle partnerschappen, waar ook ter wereld.

Onze strategie

Onze strategie is erop gericht om consistent waarde te creëren voor onze aandeelhouders, door op een kostefficiënte manier superieure waarde te creëren voor onze klanten.

Onze herziene visie en kernstrategieën vormen de fundering om onze business naar een hoger performantieniveau te brengen. Ze zijn de basis voor de prioriteiten van de onderneming en de acties voor de komende jaren.

Onze visie

Geleid door onze better together aspiratie streven we er onophoudelijk naar om de voorkeurleverancier te zijn voor onze staaldraadproducten en –oplossingen. We doen dit door voortdurend superieure waarde te creëren voor onze klanten wereldwijd.

Onze kernstrategieën

Vijf kernstrategieën vormen de basis van Bekaerts beslissingsprocessen die gericht zijn op het creëren van waarde en groei. Deze strategieën brengen onze visie in de praktijk en bepalen vanaf nu de richting en de prioriteiten voor de onderneming:

  • we brengen de klant in het hart van onze organisatie; 1.
  • we sturen groei aan door het bieden van superieure klantenwaarde; 2.
  • we versnellen het technologisch leiderschap van Bekaert en de marktintroductietijd van focusproducten en -processen; 3.
  • we benutten onze schaalvoordelen beter en reduceren onze complexiteit om dit mogelijk te maken; 4.
  • we leveren het beoogde waardevoorstel aan onze klanten aan de laagst mogelijke totale kost. 5.

Tijdens de laatste 12 maanden heeft het Bekaert management het ontwerp voor deze strategische vernieuwing bepaald en de veranderende prioriteiten in het planningsproces geïmplementeerd. De onderneming heeft de koers naar een hoger performantieniveau ingezet, en heeft in 2014 al acties opgestart waarvan verwacht wordt dat ze hun volle potentieel zullen halen in de komende jaren:

Groei door overname en uitbreiding

De aankoop van de globale Pirelli staalkoordactiviteiten is de grootste overname in de geschiedenis van Bekaert. Deze overname verstevigd Bekaerts status als voorkeurleverancier in de bandenindustrie en verhoogt ons globaal marktaandeel in staalkoord voor banden tot ongeveer 30%. De integratie van de vijf Pirelli staalkoordfabrieken zal de productmix vanaf het begin van 2015 positief beïnvloeden.

  • Bekaert investeerde verder in Dramix® staalvezels voor betonversterking, met nieuwe productievestigingen in Costa Rica, Indië en Rusland. Deze uitbreidingen bevestigen het geloof van de onderneming in het groeipotentieel van geavanceerde staaldraadoplossingen voor bouw- en infrastructuurmarkten.
  • Bekaert versterkte haar partnerschappen met andere globale spelers, zoals met ArcelorMittal in Costa Rica en Ecuador, met Maccaferri in een globaal verkoopsen distributienetwerk voor ondergrondse infrastructuurwerken en met Bekaerts Chileense partners in het vestigen van een globale Bekaert Rope Group.
  • Na balansdatum, nam Bekaert Arriums staalkabel business in Australië over. Dit laat de onderneming toe om de groeistrategie in staalkabels te versnellen, die ook geïllustreerd werd in 2014 door de overname in Texas, VS en de aankoop van de resterende aandelen van CIMAF in Brazilië. Bekaerts kabel business bedient een heel breed gamma van toepassingen, met sterke nadruk op de mijnbouw, de olie- en gassector en de sector van hijsmateriaal. De integratie van de Australische entiteit zal van Bekaert een globale marktleider in kabels voor de mijnbouw maken.

Versnelling van Bekaerts technologisch leiderschap en marktintroductietijd van focusproducten en -processen

  • Bekaert heeft alle medewerkers in 2014 uitgenodigd om deel te nemen aan een innovatieve competitie. Na verschillende jureringsrondes leverde het FastForward spel drie winnaars op, uit een groot aantal nieuwe ideeën. De winnende ideeën werden beloond met resources die nodig zijn om de innovaties te realiseren.
  • Bekaert heeft een revolutionaire nieuwe deklaag op staalkoord voor banden gelanceerd, genaamd TAWI (Ternary Alloy Wire coating) of een ternaire legeringsdeklaag. Deze nieuwe Cu-Zn-Co deklaag vermindert het volume kobaltzout in banden met 80%. Begin 2015 werd de innovatie, waarvoor een patentaanvraag is ingediend, genomineerd voor de prestigieuze 'Tire Technology of the Year 2015' award.
  • Bekaert herschikte de innovatiestrategie om R&D te versnellen in samenwerking met klanten. Het doel is om onze R&D processen en prioriteiten veel meer klantgedreven te maken. We zullen ons richten op een kleiner aantal projecten, op snellere en betere innovatieresultaten en op opportuniteiten met een grotere impact.

Schaal benutten en complexiteit verminderen

Bekaert is wijzigingen in de organisatie en in de processen aan het implementeren, met als doel die te vereenvoudigen, een gestandaardiseerde methodologie te creëren, meer capaciteit vrij te maken en een meer gerichte portfolio van producten te bepalen.

Uitmuntendheid aan de laagste kost

  • Bekaert streeft naar uitmuntendheid in alle processen. We rollen wereldwijd de beste processen uit. Die zullen ons helpen om een consistent niveau van kwaliteit, levering, veiligheid en kost leiderschap voor de aangeboden waarde te behalen, en betere service voor onze klanten te bieden.
  • Bij het ontwikkelen van nieuwe staaldraadoplossingen met en voor onze klanten, verhogen we aanzienlijk onze focus op de totale waardeketen en overwegen disruptieve innovaties die de laagste totale kost in onze targetmarkten voor ogen houden.
  • Verder heeft onze in-house engineering afdeling zicht toegespitst op de ontwikkeling van machines en uitrusting die duurzame productieprocessen verzekeren, met sensoren uitgeruste micro-tolerantie kwaliteitsgarantie, en kostefficiënte installaties gedreven door ons streven naar competitiviteit wereldwijd.

De klant in het hart van onze onderneming brengen

We willen toegevoegde waarde bieden aan onze klanten door samen de beste oplossingen te creëren tegen de laagste kost. We willen de voorkeurleverancier voor onze klanten zijn door hun verwachtingen en noden te begrijpen en eraan te voldoen. We leveren niet alleen producten; we willen ook uitstekende oplossingen en service bieden. In 2015 zal Bekaert haar klanten meer en meer betrekken in co-ontwikkeling en initiatieven die waarde creëren.

De business van onze klanten is onze drijfveer. Daarom betrekken we onze klanten in het samen creëren van de beste oplossingen aan de laagste kost.

Sectorieel aanbod

Bekaert is sterk aanwezig in verschillende sectoren. Daardoor zijn we minder gevoelig voor sector-specifieke trends en het is ook een voordeel voor onze klanten. Oplossingen die we ontwikkelen voor klanten in één sector vormen namelijk ook vaak de basis voor innovaties in andere sectoren.

Bekaert staat in dienst van klanten in een veelheid aan sectoren met een uniek portfolio van getrokken staaldraadproducten, gecoat om zo optimaal mogelijk aan de noden van de toepassingen te voldoen. Bekaerts staaldraad wordt gebruikt in auto's en vrachtwagens, in liften en mijnen, in tunnels en bruggen, thuis en op kantoor, in machines en in offshore. Wat ook rijdt, stijgt, hijst, filtert, versterkt, afbakent of vastmaakt, dan is er een grote kans dat het Bekaert producten bevat.

Prestaties per segment

EMEA

Gezamenlijke omzet: € 1 049 miljoen
Investeringen in materiële vaste activa: € 33 miljoen
Totale activa: € 877 miljoen
Medewerkers: 6 900

Economische omgeving in 2014

De economische prestaties van Europa verbeterden enigszins in 2014, met verschillen tussen de Europese deelstaten. De politieke onstabiliteit in Rusland en Oekraïne en de aanhoudende financiële onzekerheid hebben een meer coherente groei in EMEA belemmerd. De automobiel- en bouwmarkten, sectoren die uiterst relevant zijn voor Bekaerts activiteiten, kenden een heropleving ten opzichte van 2013. De industriële productie-index verbeterde in de meeste landen en tekende meer bepaald in Centraal-Europa solide groei op. Bekaert is aanwezig in zowel de mature West-Europese markten als in Centraal- en Oost-Europese markten. De onderneming biedt een hoogkwalitatief portfolio van geavanceerde staaldraadproducten aan voor sectoren die voortdurend op zoek zijn naar betere, veiligere en lichtere materialen. Bijgevolg blijven er altijd opportuniteiten voor innovatieve technologieën bestaan. De Europese marktvraag was heel sterk voor Bekaert gedurende 2014. Dit was het geval in de meeste sectoren maar vooral in de automobielsector, de energiemarkten en andere industriële sectoren. Dit zorgde voor een sterke volumegroei van staalkoord, gespecialiseerde platte – en profieldraden, geavanceerde fijnkoord- en andere staaldraadtoepassingen. Ook Bekaerts bouwproductenplatform presteerde goed dankzij een innovatiegedreven product-mix.

Onze activiteiten in Rusland in 2014

Bekaert heeft sinds begin 2010 productieactiviteiten in Rusland en heeft een groeiend klantenbestand in de regio opgebouwd. Bekaert Lipetsk levert staalkoord aan alle bandenproducenten in Rusland en is uitgegroeid tot de belangrijkste leverancier van geavanceerde rubberversterkingsproducten in het land. Van bij de start van de investering heeft Bekaert lokale walsdraadleveranciers bijgestaan in hun productontwikkelingen, zodat we op een kwalitatieve lokale toelevering kunnen rekenen voor onze grondstofnoden. Deze aanpak is succesvol gebleken en is dan ook de reden waarom handelsbeperkingen geen invloed hebben op de continuïteit en groei van onze activiteiten in Rusland.

Bekaert in Rusland: autonoom

Activiteitenverslag

De Europese marktvraag was in de meeste sectoren sterk gedurende het hele jaar 2014. De vraag in de automobielsector in het bijzonder zorgde voor volumegroei van staalkoord- en andere staaldraadtoepassingen in de regio. Onze activiteiten in EMEA boekten sterke resultaten op basis van de volumetoename, het blijvend effect van de besparingspogramma's van de afgelopen jaren, en een gunstige product-mix. Bekaert tekende een REBITstijging voor de regio op van 30% en tilde de winstmarges naar recordhoogte. EMEA leverde zo de grootste bijdrage aan het geconsolideerde resultaat van de Groep over het boekjaar 2014.

Winstmarges op recordhoogte dankzij 30% REBITstijging

Bekaert investeerde in toekomstige groei met capaciteitsuitbreidingen voornamelijk in Slovakije en België. Europa zal zelfs nog een grotere bijdrage leveren aan de geconsolideerde cijfers van de Groep dankzij de integratie van de staalkoordactiviteiten van Pirelli in Roemenië, Italië en Turkije.

Belang van de Pirelli transactie voor de regio Bekaert heeft Pirelli's staalkoordactiviteiten overgenomen en wordt wereldwijd de langetermijn leverancier van staalkoord aan Pirelli. De overname omvat de staalkoordvestigingen in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië) en Izmit (Turkije) in EMEA. Buiten Europa omvat de transactie productiefaciliteiten in Brazilië en China. De integratie van de staalkoordactiviteiten en de langetermijn leveringsovereenkomst zullen de status van Bekaert als voorkeurleverancier voor de bandenindustrie verder versterken en het aandeel van de regio EMEA in de geconsolideerde cijfers nog doen toenemen.

Bekaert-Maccaferri Underground Solutions

Bekaert en Maccaferri hebben een joint venture (50/50) opgericht voor de verkoop en distributie van totaaloplossingen voor constructieversterking in ondergrondse toepassingen zoals tunnels voor wegen spoorwegverkeer, metro-, leiding- en mijntunnels en waterkracht- centrales.

De joint venture bundelt de verkoop- en distributieactiviteiten van Bekaert Dramix® staalvezels voor betonversterking in ondergrondse projecten – bijvoorbeeld de spuitbeton en prefab toepassingen – met de complementaire oplossingen voor ondergrondse toepassingen van Maccaferri .

De joint venture, met hoofdkantoor in België, richt zich wereldwijd op ondergrondse constructiemarkten, met uitzondering van China en verschillende Latijns-Amerikaanse landen waar Bekaert en Maccaferri onafhankelijk zullen blijven handelen.

"verkoop- en distributiepartnerschap voor ondergrondse toepassingen"

Desinvestering: Bekaert Carding Solutions

Bekaert en Groz-Beckert hebben, na balansdatum, een overeenkomst ondertekend met betrekking tot de verkoop van de Carding Solutions activiteiten van Bekaert aan Groz-Beckert, een globale onderneming met hoofdzetel in Albstadt, Duitsland. De overeenkomst betreft de productievestigingen van Carding Solutions in België, India, China en de VS, en het wereldwijde verkoop- en dienstennetwerk. De overeenkomst heeft betrekking op het personeel en de activa van het platform.

De desinvestering kadert in de strategie van Bekaert om een waardecreëerend portfolio van producten en activiteiten samen te stellen en uit te bouwen waarbinnen de Groep haar kerncompetenties in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën ten volle kan benutten.

Bekaert's grootste overname ooit

Noord-Amerika

Gezamenlijke omzet: € 555 miljoen
Investeringen in materiële vaste activa: € 26 miljoen
Totale activa: € 303 miljoen
Medewerkers: 1 600

Economische omgeving in 2014

De economie kende een trage start in het begin van 2014 door de lange en strenge winter in de oostelijke helft van het continent. Dit vertraagde de consumentenbestedingen en bouwactiviteiten gedurende de eerste maanden, alsook de investeringen in de landbouwsector. Vanaf het tweede kwartaal werd een heropleving ingezet en over het gehele jaar verbeterde de economie in Noord-Amerika ten opzichte van 2013. De VS noteerden een groei van het BNP met ongeveer 2,5% ten gevolge van herstel in consumentenbestedingen en uitgaven van bouwactiviteiten. Ook de industriële activiteit nam toe in vergelijking met het jaar ervoor. De vraag in de automobielsector in het bijzonder, was sterk in 2014. De Noord-Amerikaanse staalsector zag de invoer van staalproducten verder toenemen, een trend die zich verderzet ten gevolge van de sterkere US\$ sinds de tweede helft van 2014.

De hogere vraag van automobielmarkten en de solide omzet van onze Noord-Amerikaanse kabelactiviteiten konden de daling van de vraag voor Bekaert producten in andere Noord-Amerikaanse industriële, bouw- en landbouwmarkten niet goedmaken in 2014. De landbouwmarkten vertoonden geen herstel na de strenge winter en de vraag naar kabelbewapeningsproducten bleef op het lage peil van 2013.

Activiteitenverslag

Bekaerts activiteiten realiseerden hogere volumes in vergelijking met een zwak 2013. Het rendement van het segment bleef echter ondermaats door de onderbenutting van de productiecapaciteit en door prijsdruk omwille van importstromen. In november 2014 werd Bekaert getroffen door een brand die structurele schade veroorzaakte aan delen van de fabriek in Rome (Georgia, VS). Deze vestiging is gespecialiseerd in hieldraad voor de bandenindustrie en rubberversterkingsproducten voor de markt van hydraulische rubberslangen.

De investeringen in materiële vaste activa bedroegen € 26 miljoen en hadden vooral betrekking op kabel-, staalkoord-, en hieldraadactiviteiten.

In 2014 hebben we geïnvesteerd in de productiecapaciteit van staalkoord- en hieldraad, respectievelijk in onze vestigingen in Rogers (Arkansas, VS) en Rome (Georgia, VS). Bekaert heeft een leidende marktpositie in de staalkoordmarkt voor bandenversterking en breidt met deze investeringen het aanbod aan lokaal geproduceerde producten uit ten behoeve van de bandenfabrikanten in de VS.

Bekaert investeerde eveneens in andere productievestigingen, zowel in de VS als in Canada. Belangrijke investeringen vonden plaats in Van Buren (Arkansas, VS), een vestiging die een brede waaier aan industriële staaldraadproducten produceert, en via een asset deal in de kabelfabriek in Belton (Texas, VS).

In maart 2014 is Bekaert gestart met de productie van staalkabels in de VS via haar filiaal Wire Rope Industries. De onderneming richtte een productieeenheid in Belton (Texas) op en zal er haar technologische en productiecompetenties in staalkabels voor de olie- en gassector benutten onder het operationeel beheer van Bekaerts Canadese Wire Rope Industries organisatie.

Brand in de Bekaert vestiging in Rome (Georgia, VS)

Op 19 november werd Bekaert getroffen door een brand met structurele schade aan delen van de fabriek in Rome (Georgia). Alle werknemers werden tijdig geëvacueerd en niemand raakte gewond. De productielijnen voor hieldraad en de aanpalende draadtrekafdeling werden door het vuur en het neergestorte dak beschadigd. Bekaert heeft onmiddellijk de nodige maatregelen getroffen om onze klanten continuïteit van levering te garanderen, hetzij via producten beschikbaar uit voorraad, hetzij via bevoorrading uit andere vestigingen. Bekaert Rome is erin geslaagd snel de productie gedeeltelijk opnieuw op te starten, waaronder alle productieactiviteiten voor slangendraad.

In dienst van onze klanten en dankzij hun blijvend vertrouwen in onze mogelijkheden, is Bekaert erin geslaagd alle hydraulische slangenproducenten in de VS te verzekeren van continuïteit in hun productie.

De beschadigde onderdelen van de vestiging worden heropgebouwd en opnieuw uitgerust om de hieldraadactiviteiten in de loop van 2015 opnieuw op te starten. Bekaert engageert zich om de geplande uitbreiding van de productiecapaciteit van hieldraad in de fabriek in Rome te realiseren.

Desinvestering

Bekaert heeft haar staaldraadactiviteiten in Surrey, Canada, geleidelijk afgebouwd en de productieactiviteiten op het einde van het eerste kwartaal van 2014 stopgezet.

Latijns-Amerika

Gezamenlijke omzet: € 1 422 miljoen
Geconsolideerde omzet € 631 miljoen
Investeringen in materiële vaste activa: (*) € 32 miljoen
Totale activa: (*) € 620 miljoen
Medewerkers: 8 300

(*) geconsolideerde vennootschappen

Economische omgeving in 2014

De Latijns-Amerikaanse markten zijn zeer competitief geworden als gevolg van toegenomen importstromen uit Azië. Lagere overheidsbudgetten en –uitgaven ten gevolge van prijsdalingen voor koper en andere grondstoffen hebben geleid tot een vertraging in de mijnbouw en de openbare infrastructuursector. De aanhoudende lagere groei in China lag aan de basis van de dalende grondstofprijzen en toonde aan hoe veranderingen in de Chinese economie een wereldwijde impact kunnen hebben. Fiscale hervormingen en verkiezingen verhoogden de onzekerheid in diverse landen en sectoren. De economie in Venezuela kwam tot stilstand in 2014 ten gevolge van de politieke en monetaire instabiliteit.

De tegenwind met dewelke de regio in 2014 geconfronteerd werd, zal waarschijnlijk aanhouden in 2015. Grondstofprijzen zullen naar verwachting gemiddeld lager liggen in 2015 dan in 2014, als gevolg van de lage wereldwijde vraag en de sterkere US\$. Bovendien wordt er van uitgegaan dat het ineenstorten van de olieprijzen zijn tol zal eisen voor de grootste Latijns-Amerikaanse olieproducerende landen.

De impact van wisselkoersschommelingen was aanzienlijk in 2014. Ondanks de valutacorrectie bij jaareinde bedroeg de impact op de geconsolideerde omzet € -50 miljoen tegenover vorig jaar, voornamelijk door de wisselkoers van de Chileense peso ten opzichte van de euro. De impact was nog groter op het niveau van de gezamenlijke omzet (inclusief de Braziliaanse joint ventures) door de volatiliteit van de Braziliaanse real die het omzetcijfer van 2014 negatief beïnvloed heeft met ongeveer € -70 miljoen.

Hoewel de zwakke valuta's een positieve impact hadden op het concurrentievermogen van de binnenlandse industriële activiteiten met imports, stelden een aantal landen handelsbelemmeringen in die de concurrentiekracht van onze activiteiten negatief beïnvloed hebben, zoals het heffen van invoerrechten op grondstoffen in Colombia.

Salvaguardia in Colombia

In Colombia werden hoge invoerrechten (21%) geheven op geïmporteerde grondstoffen zoals walsdraad. Deze maatregel, ingevoerd als een beschermende maatregel tegen importstromen, had een ingrijpend effect op het concurrentievermogen van Bekaerts activiteiten in dit land aangezien de heffing niet van toepassing is op afgewerkte producten. Lokale walsdraadleveringen zijn geen optie gezien het aanbod te klein is om alle staaldraadproducenten te beleveren. De concurrentie aangaan met ingevoerde afgewerkte producten werd bijgevolg uiterst moeilijk. Bekaert was genoodzaakt haar activiteiten in Colombia te herstructureren conform de gewijzigde marktomstandigheden.

15 Latijns-Amerika

Bekaert produceert in Latijns-Amerika een uitgebreide productenportefeuille voor de bouw, de mijnbouw, de landbouw en een brede waaier van industriële- en consumentenmarkten verspreid over de regio. Bekaert heeft dochterondernemingen (100% en meerderheidsparticipaties) in Costa Rica, Ecuador, Colombia, Venezuela, Peru, Chili en Brazilië. Daarnaast heeft Bekaert joint ventures in Brazilië in een 45/55 partnerschip met ArcelorMittal.

De vraag in de regio daalde in de eerste jaarhelft van 2014, conform de BNP-trend in de meeste landen. Onze activiteiten behielden er echter hun solide marktaandelen en de vraag herstelde zich in de meeste landen vanaf de tweede jaarhelft. In Brazilië bleven de marktomstandigheden zwak doorheen het jaar.

Activiteitenverslag

Zonder de impact van acquisities en van Venezuela waar het volumeverlies meer dan 40% bedroeg door noodgedwongen tijdelijke fabriekssluitingen ten gevolge van tekorten aan grondstoffen – realiseerden Bekaerts activiteiten in Latijns-Amerika stabiele volumes doorheen het boekjaar. De omzet voor de regio nam aanzienlijk toe in de tweede helft van 2014 (+15% tegenover 2013), dankzij een betere prijs-mix en een beduidend lagere impact van ongunstige valutaeffecten zoals opgetekend in de eerste jaarhelft. De winstmarges namen enigszins toe in de tweede helft van 2014 maar bleven op een laag niveau als gevolg van de concurrentie met imports en de integratie- en opstartkosten in Costa Rica.

Investeren in toekomstige groei

Bekaert investeerde € 32 miljoen in materiële vaste activa, waaronder de bouw en uitrusting van de nieuwe Dramix® vestiging in Costa Rica.

Inhuldiging van de nieuwe Bekaert Dramix® vestiging in Costa Rica

Bekaert Costa Rica SA produceert Dramix® staalvezels voor de bouwsector. Dramix® is een door Bekaert ontwikkelde en met patentrechten beschermde staalvezel voor betonversterking in industriële vloeren en in bouwprojecten, alsook in infrastructuur-toepassingen zoals tunnels en mijnschachten. Bekaert nam de beslissing om in Dramix® staalvezel productiecapaciteit in Costa Rica te investeren om de infrastructuur- en bouwmarkten in Noord- en Zuid-Amerika te beleveren.

President Luis Guillermo Solís huldigt de nieuwe Bekaert Dramix® vestiging in Orotina, Costa Rica, in.

Bekaert verwierf, via de Bekaert Ideal Holding, de meerderheid van de aandelen (73%) in de ArcelorMittal staaldraadvestiging in Costa Rica (hernoemd tot BIA Alambres Costa Rica SA) en implementeerde dezelfde aandeelhoudersstructuur in de nieuwe Dramix® fabriek in Costa Rica (Bekaert Costa Rica SA) en in de staaldraadvestiging van Bekaert in Ecuador (Ideal Alambrec SA). Bekaert verwierf bovendien de resterende aandelen in de Cimaf kabelfabriek die de naam Bekaert Cimaf Cabos kreeg.

Bekaert wenst haar klanten in verscheidene sectoren in de regio beter te beleveren met een ruimer portfolio van staaldraadproducten voor tal van sectoren, waaronder de bouw, mijnbouw, olie & gas, landbouw, afrasteringen en industriële markten. De transactie bouwt verder op Bekaerts bestaande partnerschappen in de regio, met ArcelorMittal en de familie Kohn.

Bekaerts eerste activiteiten in Latijns-Amerika dateren van 1950. Inmiddels vertegenwoordigt deze regio 35% van de gezamenlijke omzet. Deze omvatten partnerschappen met ArcelorMittal, met Ecuadoriaanse partners (vertegenwoordigd door leden van de familie Kohn) en deze binnen het partnerschap in Chili en Peru (met leden van de families Matetic, Conrads en Gallofré). Eind 2014 stelde Bekaert meer dan 8000 mensen tewerk in de regio.

De integratie van de staalkoordvestiging (100% Bekaert) overgenomen van Pirelli in Sumaré (Brazilië) zal vanaf 1 januari 2015 bijdragen tot Bekaerts financiële resultaten.

Bekaert Prodac, Peru viert 20ste verjaardag in aanwezigheid van Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Astrid van België.

Prodac, de toonaangevende

staaldraadonderneming van de Bekaert Groep in Peru, heeft haar 20ste verjaardag gevierd in aanwezigheid van HKH Prinses Astrid van België, die de Belgische Economische missie naar Peru en Colombia leidde.

In haar 20-jarig bestaan is Prodac uitgegroeid tot een toonaangevende staaldraadleverancier voor de lokale markt en voor exportmarkten. Prodac, gevestigd in Callao, Peru, stelt 778 medewerkers tewerk. Prodac biedt staaldraadoplossingen aan voor tal van sectoren, waaronder de bouw, landbouw, mijnbouw, infrastructuur en industrie met een brede waaier aan producten, zoals schanskorven, gelast gaas, prikkeldraad, nagels en verzinkte draden. De onderneming werd opgericht in 1994 door Industrias Cassadó SA (Peru) en de Bekaert Groep, via haar Chileense en Ecuadoriaanse partners.

Belgo Bekaert Arames leverde volledige afrasteringsoplossingen voor alle stadions van de 2014 FIFA wereldbeker. Deze contracten binnenhalen bleek een grote uitdaging, omwille van de unieke en nieuwe vereisten. Belgo Bekaert Arames werd gekozen na een uitgebreide aanbesteding en slaagde erin om de veiligheidshekkens en -poorten van alle sportstadions tijdig te installeren.

Pacifisch Azië

€ 1 014 miljoen
€ 966 miljoen
€ 51 miljoen
€ 1 282 miljoen
11 700

Economische omgeving in 2014

De Chinese economie groeide in 2014 aan het traagste tempo in twintig jaar als gevolg van een daling van vastgoedprijzen en de schuldenlast waarmee bedrijven en lokale overheden te kampen hadden. Het BNP groeide met 7,4%, een ratio die door vele landen benijd wordt, maar toch een reden tot ongerustheid vormt door de enorme productieovercapaciteit, en groeivertraging met bijgevolg hevige concurrentie in meerdere industriële markten.

De vraag bleef sterk in de bandenmarkten gedurende de eerste negen maanden van 2014, maar daalde aanzienlijk in het laatste kwartaal van het jaar. De prijzen bleven verder eroderen in een markt die gekenmerkt werd door afnemende exportvolumes voor Chinese bandenmakers, structurele overcapaciteit en de commoditisering van oplossingen voor het versterken van vrachtwagenbanden.

De vraag in de markt van de zonne-energie veerde op in China in 2014 en diverse andere industriële markten, zoals die voor liften en automobielonderdelen, presteerden goed. Bekaerts activiteiten in Shenyang en Jiangyin konden beantwoorden aan de ontwikkelingsen toeleveringsnoden van klanten op zoek naar hoogwaardige staaldraadoplossingen.

De economische groei in India, die de voorbije twee boekjaren onder de 5% lag, is sterk toegenomen. De binnenlandse industriële vraag trok aan na de aantreding van de nieuwverkozen overheid, die enkele hervormingen invoerde om de economie te versterken. Bekaerts staalkoordactiviteiten in India kenden een solide groei door het winnen van marktaandeel in een opverende marktomgeving.

Zuid-Oost-Azië kende een aangehouden solide groei in de meeste landen, hoewel de grootste economie van die regio, Indonesië, aan een trager tempo groeide in 2014 met een dalende trend voor het derde opeenvolgende jaar. Positief is dat de verwerkende industrie één van de sterkste bijdragers is aan het BNP van het land.

Bekaert is aanwezig in Pacifisch Azië met productie- en ontwikkelingscentra in China, India, Indonesië, Maleisië en Japan. Na balansdatum voltooiden we ook de overname van de staalkabelactiviteiten van Arrium in Newcastle, Australië.

Uitbouwen van onze globale aanwezigheid in staalkabels

Begin 2015 heeft Bekaert de overname aangekondigd van staalkabelbedrijf Arrium Ltd uit Newcastle, Australia. De integratie van de Australische kabelactiviteiten zal de groeistrategie van Bekaert in staalkabels versterken en zal de Groep in staat stellen een leidende wereldwijde marktpositie te nemen in de markt van staalkabels voor de mijnbouw in het bijzonder. Er wordt verwacht dat de acquisitie € 40 miljoen op jaarbasis zal toevoegen aan de geconsolideerde omzet van Bekaert. De consolidatie van de financiële cijfers gaat in op 1 maart 2015.

18 Pacifisch Azië

Activiteitenverslag

Bekaerts activiteiten in Pacifisch Azië tekenden een volumegroei op van 6% tegenover vorig jaar. Dit was het gevolg van een sterke omzet in Azië gedurende de eerste negen maanden van het jaar, gevolgd door een zwak vierde kwartaal als gevolg van een algemene vertraging van de vraag in de Chinese bandenmarkten. Prijserosie, wisselkoerseffecten en doorgerekende lagere walsdraadprijzen hebben de omzetgroei in de regio beperkt tot 1,3% jaar-op-jaar. Bekaert hield de prijszetting in China stabiel gedurende het zwakke laatste kwartaal van 2014 en verloor marktaandeel in de markt van vrachtwagenbanden.

Bekaert heeft haar leidende marktpositie en –aandeel behouden in de groeiende markt van de zonne-energie in China en boekte veelbelovende resultaten in enkele recente investeringen met producten met hoge toegevoegde waarde ten behoeve van onder meer de automobielonderdelensector.

Bekaerts staalkoordactiviteiten in India kenden een solide groei en slaagden erin hun marktaandeel te vergroten. Andere platformen in India, zoals de roestvaste activiteiten in Lonand, bleven ondermaats presteren op vlak van rentabiliteit.

In Zuid-Oost-Azië tekende Bekaert solide groei op in haar rubberversterkende activiteiten in Indonesië. De recent verworven vestigingen in Maleisië konden hun rentabiliteit nog niet bewijzen en hadden te kampen met toegenomen concurrentiedruk.

Bekaert bleef intensief investeren in de regio met een totaal van € 51 miljoen aan investeringen in materiële vaste activa in 2014. Belangrijke investeringen vonden plaats in de fabriek voor geavanceerde fijnkoord in Shenyang, in de afwerking van de greenfield voor verendraad in Xinyu en in uitbreidingen van de staalkoordactiviteiten in India en Indonesië.

Pirelli overname na balansdatum in China Bekaert en Pirelli hebben de overname door Bekaert van Pirelli's staalkoordvestigingen in Yanzhou, provincie Shandong, China succesvol afgerond op 27 maart 2015. Het afsluiten van de transactie volgt op de verwerving van de volledige eigendom van de staalkoordvestigingen in Figline (Italië), Slatina (Roemenië), Sumaré (Brazilië) en Izmit (Turkije). Bekaert bezit 80% van de aandelen van Bekaert (JiNing) Steel Cord Co Ltd. Hixih Rubber Industrial Group Co Ltd, Pirelli's partner in de Yanzhou entiteit, de overige 20%.

Na balansdatum kondigde Bekaert de verkoop aan van haar kaardenactiviteiten.

Bekaert en Groz-Beckert hebben een overeenkomst ondertekend met betrekking tot de verkoop van de Carding Solutions activiteiten van Bekaert aan Groz-Beckert, een globale onderneming met hoofdzetel in Albstadt, Duitsland. De overeenkomst betreft de productievestigingen van Carding Solutions in België, India, China en de VS, en het wereldwijde verkoop- en dienstennetwerk. De overeenkomst heeft betrekking op het personeel en de activa van het platform. Als onderdeel daarvan zal een langetermijn leveringsovereenkomst van kracht gaan voor de levering van Bekaert staaldraad aan Groz-Beckert.

Het platform telt 350 werknemers in een globaal productie-, distributie- en verkoopnetwerk. De grootste productievestigingen bevinden zich in Wuxi, China en in Pune, India.

TAWI – een ternaire legeringsdeklaag

uitgevonden door een Chinees-Belgisch duo We hebben onze staalkoord met ternaire Cu-Zn-Co legeringsdeklaag succesvol gelanceerd. Deze laat de bandenfabrikanten toe om kobaltvrije rubbermengsels te gebruiken. Het resultaat hiervan is dat het mixen van kobaltzouten met rubber als productiestap geëlimineerd kan worden en het kobaltvolume in de totale waardeketen van banden met 80% verminderd kan worden.

Tire Technology International nomineerde Bekaert voor haar TAWI uitvinding in de prestigieuze categorie Tire Technology of the Year waarin Bekaert het opnam tegen grote internationale spelers uit de industrie zoals Michelin, Yokohama en Trelleborg. Niet minder dan 13 bandenfabrikanten, waaronder verschillende Chinese klanten, testen op vandaag TAWI staalkoord, hetzij in labo-omgeving of veldtesten of beide. Hun feedback bevestigt het revolutionaire karakter van de TAWI uitvinding.

Guy Buytaert (Bekaert Technology Center Deerlijk, Belgium) en Yiwen Luo (Bekaert Technology Center Jiangying, China) zijn de uitvinders van de met patentrechten beschermde Bekaert TAWI uitvinding.

Technologie en innovatie

Innovatie is een belangrijke drijfveer van Bekaerts technologisch leiderschap. Onze activiteiten in dit domein richten zich op het creëren van toegevoegde waarde voor onze klanten ten gunste van het langetermijn succes van onze business en al onze stakeholders. We werken samen met klanten en leveranciers over de hele wereld om zowel bestaande als nieuwe technologieën te ontwikkelen, te implementeren, te upgraden en te beschermen. Luisteren naar onze klanten en begrijpen hoe onze producten in hun productielijnen en producten functioneren is uiterst belangrijk om pasklare oplossingen en toegevoegde waarde te ontwikkelen.

Staaldraadtransformatie- en deklaagtechnologieën vormen onze kerncompetenties. Om ons technologisch leiderschap hierin verder te versterken, investeert Bekaert intensief in onderzoek en ontwikkeling en beschouwen wij innovatie als een constante drijfveer in al onze activiteiten en processen.

Innovatie in de praktijk: het voortdurend herontwikkelen van onze kerncompetenties

Om ons technologisch leiderschap te behouden en te versterken, zoeken we voortdurend naar nieuwe oplossingen in staaldraadtransformatie- en deklaagtechnologieën. Zelfs na 135 jaar ervaring blijft er veel te ontdekken in onze zoektocht naar de optimale bulk- en oppervlakte-eigenschappen van staaldraad.

We transformeren

Door staaldraadtransformatie beïnvloeden we de eigenschappen van staal zoals sterkte, buigzaamheid, vermoeiïng en vorm. In 2014 hebben we onze inspanningen verhoogd met betrekking tot de ontwikkeling van applicaties die een hoge toegevoegde waarde en veelbelovende perspectieven bieden:

  • Bekaerts gamma van staalkoord met super- en ultrahoge treksterkte laat bandenfabrikanten toe om banden te produceren met een lager gewicht, een dunnere staalgordel en een lagere rolweerstand.
  • Ons kabelplatform boekte vooruitgang in nieuwe kabelsamenstellingen zoals: hoge performantie kabels, hybride kabels, compacte kabeldraden en kabels en een nieuwe generatie met plastic versterkte kabels voor laadschoppen van sleepgravers die gebruikt worden in de ontginning van oliezanden.
  • We ontwikkelden een nieuwe generatie vangrails met optimale energieafgifte. Drie Bekaert draadproducten, ingebed in een thermoplastische matrix vormen Bekaerts nieuwste type middenbermkabels om frontale ongevallen op snelwegen te vermijden.
  • Ons vernieuwd aanbod platte en profieldraden, vaak gebruikt in de automobielindustrie en in de olie- en gassector, zijn staaltjes van microtolerantie in modellering, kwaliteit en consistente afwerking in het domein van precisieprofielen.

In 2014 richtten Bekaerts R&D inspanningen zich ook op disruptieve technologieën met als doel een superieure waarde voor onze klanten te bieden: internationale bandenfabrikanten participeren in de ontwikkeling van onze nieuwste generatie rubberversterking die ongeziene waarde in bandeninnovatie zou kunnen teweegbrengen. Het staalkoordweefsel van Bekaert vertegenwoordigt een disruptieve technologie die de nood aan bobijnopstelling op een kalenderlijn elimineert. Bandenfabrikanten zien veelbelovende opportuniteiten in deze nieuwste uitvinding van Bekaert, vooral in de ontwikkeling van nieuwe types banden en bij het produceren van niet-continue batches.

We coaten

Met onze unieke deklaagtechnologieën passen we de oppervlakte-eigenschappen van staal aan om wrijving te verminderen, corrosiebestendigheid te verbeteren, de adhesie te verhogen of de esthetische afwerking te verbeteren. Verschillende ontwikkelingen voerden innovatie in deklaagperformantie aan in 2014:

  • Bekaerts watergebaseerde deklaagtechnologie werd verfijnd en verbeterd om solvent-gebaseerde deklagen op laagkoolstofdraad te vervangen.
  • In gezamenlijke ontwikkelingsprojecten met klanten, industriële partners en onderzoeksinstituten leggen we de lat hoger in het verkennen van mogelijkheden en beperkingen van revolutionaire deklaagtechnologieën. Voorbeelden hiervan zijn zelfherstellende deklagen die een duurzame bescherming tegen krassen en andere schade verzekeren, atmosferische plasmadeklagen en deklagen die specifieke metalen in vloeibare toestand afstoten.
  • We streven waardecreatie voor onze klanten na, niet alleen door producten te leveren die aan vastgelegde specificaties voldoen, maar ook door onze research te richten op de voortdurende vernieuwing van ons productportfolio en op de ontwikkeling van producten die de complexiteit, de kost en de impact op het milieu in het productieproces van onze klanten verminderen. We doen dit bij voorkeur in samenwerking met onze klanten.

  • In 2014 ontwikkelden we hittebestendige deklagen die de coating stap in het productieproces van onze klanten na het transformeren van staaldraad in veren elimineren. Deze deklaagtechnologie laat ook een perfecte afwerking van compacte veren toe.

  • We hebben onze staalkoord met ternaire Cu-Zn-Co legeringsdeklaag succesvol gelanceerd. Deze laat de bandenfabrikanten toe om kobaltvrije rubbermengsels te gebruiken. Het resultaat hiervan is dat het mixen van kobaltzouten met rubber als productiestap geëlimineerd kan worden en het kobaltvolume in de totale waardeketen van banden met 80% verminderd kan worden.

Tire Technology International nomineerde Bekaert voor haar TAWI uitvinding (Ternary Alloy Wire coating on steel cord) in de prestigieuze Tire Technology of the Year categorie waarin Bekaert het opnam met grote internationale spelers uit de industrie zoals Michelin, Yokohama en Trelleborg. Niet minder dan 13 bandenfabrikanten testen op vandaag TAWI staalkoord, hetzij in labo-omgeving of veldtesten of beide. Hun feedback bevestigt het revolutionaire karakter van de TAWI uitvinding.

Technologisch leiderschap en innovatie-snelheid

  • In 2014 hebben we het gebruik van numerieke modellering uitgebreid om onze marktintroductietijd te versnellen. Door computersimulatie en uitgebreid virtueel testen worden onze ontwikkelingen nog sneller ontworpen. Eén van de domeinen waar numerieke modellering het meest succesvol is, betreft de ontwikkeling van complexe profieldraden die uitgebreide expertise en testmateriaal vergen. Het gebruik van numerieke modellering om de vereiste vorm van de rolgroeven en nultolerantie in productspecificaties te bekomen, vermindert het aantal experimenten op onze productielijnen aanzienlijk. Het verlaagt de productiedoorlooptijd en -kosten en creëert onbeperkte mogelijkheden in tussentijdse resultaatsanalyses met de klanten.
  • Bekaert betrekt eveneens een netwerk van externe partners in haar innovatie-uitdagingen. Deze aanpak is gericht op het genereren van nieuwe ideeën en oplossingen met externe input, terwijl het onderzoek zelf sneller wordt getoetst aan technologische uitvoerbaarheid en marktbereidheid.
  • Bekaert heeft haar medewerkers uitgedaagd en betrokken in een innovatiewedstrijd in 2014. Na een opeenvolging van jureringen leverde het FastForward spel drie winnaars op uit acht genomineerden van een indrukwekkende groep nieuwe ideeën. De winnende ideeën worden uitgewerkt door gedediceerde teams. Eén van de drie winnaars was het staalkoordweefsel als nieuwe-generatie bandenversterking waarnaar hogerop wordt verwezen. Het ontwikkelingsproces van deze uitvinding is een mooi voorbeeld van Bekaerts technologisch leiderschap en snelheid in samenwerking met klanten.

Bekaert FastForward Award Event 2014

Co-ontwikkeling en open innovatie

Er is een groeiende trend in samenwerking met onze strategische klanten en leveranciers. We nemen ook corporate venturing in aanmerking door te investeren in bedrijven en durfkapitaalfondsen wereldwijd. Onze investeringen hierin zijn minderheidsbelangen in jonge startende ondernemingen met innovatieve technologieën die aanleunen bij de kerncompetenties van Bekaert. In dit kader trad Bekaert toe tot het i3 connection platform van de Cleantech Group.

Bekaert zoekt naar internationale partnerschappen in de samenwerking met universiteiten en onderzoekscentra. In 2014 zetten we onze samenwerking met academische instellingen, technologieclusters en onderzoekspartners van verschillende landen voort om zo een marktgerichte aanpak te verzekeren:

  • Bekaert is actief in verschillende 'Strategic Initiative Materials (SIM)' programa's. We hebben een research partnerschap met de Universiteit van Leuven, het onderzoeksplatform voor metallurgie in Gent (België) en de Université de Lille (Frankrijk). Bekaert zette haar partnerschap met de Universiteit van Brussel (België) voort en is actief lid van 'Flanders Make', het nieuwe strategische onderzoekscentrum van de productie-industrie in Vlaanderen. Verder werken we samen met het Dutch Polymer Institute (DPI) in Eindhoven (Nederland).
  • Bekaert neemt deel aan innovatie-netwerken zoals Creax, Innovia, OCAS, SIM, Flanders Inshape en andere, om het innovatieproces vooruit te stuwen in samenwerking met industrie partners en onderzoeksinstellingen.
  • Bekaert werkt samen met University College in Dublin, Imperial College London en de Universiteit van Zagreb. Een nieuw project werd opgestart met de Universiteit van Cambridge en met 'Cenim', het Nationaal Centrum voor Metallurgisch Onderzoek in Madrid.
  • In China hebben we een partnerschap met het Institute of Metal Research (IMR) in Shenyang (provincie Liaoning) en met Tsinghua University in Beijing.
  • In Slovakije hebben we ons contract voor onderzoeksactiviteiten met de Universiteit van Trnava hernieuwd.
  • In de Verenigde Staten worden gezamenlijke onderzoeksinspanningen geleverd met de Colorado School of Mines.

Dankbetuiging

We danken het Vlaams Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie en de Belgische Federale regering. De subsidies en stimuli voor R&D projecten en hooggeschoold wetenschappelijk personeel zijn van essentieel belang voor het behoud van R&D in België.

Productie-uitrusting gericht op uitmuntende prestaties

Bekaerts eigen engineering afdeling speelt een cruciale rol in de optimalisatie van onze productieprocessen en -machines. Deze afdeling ontwerpt, ontwikkelt, installeert en onderhoudt de machine-uitrusting van onze fabrieken wereldwijd. Bekaerts engineering activiteiten zijn op weredwijde schaal georganiseerd met een network van 500 ingenieurs en technici in België, China, Indië, Slovaijke en Brazilië. Nieuwe machines die door Bekaert Engineering ontworpen werden, combineren prestatieverbeteringen op verschillende vlakken, zoals productkwaliteit, prestatievermogen, kostenefficiëntie, ergonomie, veiligheid en de impact op het milieu.

Bekaert Engineering werkt nauw samen met de R&D-centra, de productievestigingen en het globale manufacturing excellence team van Bekaert, om machine- en uitrustingsconcepten uit te werken die voldoen aan de huidige en de toekomstige noden qua flexibiliteit, efficiëntie en precisieperformantie.

Het Bekaert Engineering team heeft de greenfield Dramix® fabriek in Costa Rica in een record tijd uitgerust met de meest performante uitrusting.

Hoog-precisie engineering

Gedreven door een streven naar hoogperformante uitrusting tegen een lage operationele kost, heeft het Bekaert Engineering team machines ontwikkeld die een minimale omstellingstijd vereisen en maximale automatiserings- en robotisatiemogelijkheden verzekeren.

Bovendien worden geavanceerde sensor- en meetinstrumenten meer en meer geïntegreerd in Bekaerts productie-uitrusting, om de specificatietoleranties in verschillende productiestappen te controleren. Dit verhoogt de kwaliteitstestmogelijkheden op het gebied van kwaliteitstesten in alle kritische procesfases.

Bekaerts capaciteitsuitbreiding in hieldraad voor banden werden gerealiseerd met Bekaert Engineering's nieuwste gerobotiseerde hieldraad lijnen.

Duurzaam ondernemen

Bekaerts wereldwijde strategie voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (CSR: corporate social responsibility) is gebaseerd op 4 hoofdpijlers: onze verantwoordelijkheid op de werkplek, op de markt, ten aanzien van het milieu en tegenover de maatschappij. Onze CSR-inspanningen en -activiteiten zijn daarom gericht op de belangen van al onze stakeholders: medewerkers, klanten, aandeelhouders, partners, lokale overheden en de gemeenschappen waarin we actief zijn.

Bekaerts CSR rapport 2013 was gebaseerd op de GRI G3 Richtlijnen met betrekking tot de GRI duurzaamheidsrapportering. De aanvraag tot certifiëring van het rapport 2014 was nog in behandeling op de dag van de publicatie van dit jaarverslag. Global Reporting Initiative (GRI) is een non-profit organisatie die economische duurzaamheid bevordert. In 2014 werd Bekaert opnieuw erkend voor haar maatschappelijk verantwoord ondernemen door de opname in de Ethibel Excellence Index (ESI) Europe een referentie criterium voor toppresteerders op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemen gebaseerd op Vigeo's onderzoek - en in die van Kempen SRI.

Onze verantwoordelijkheid op de werkplek

Leren en ontwikkelen

Om de voortdurende ontwikkeling van al onze medewerkers aan te moedigen, worden de doelstellingen van de groep omgezet in team- en persoonlijke doelstellingen. Bekaerts performantieopvolgingssysteem laat toe dat de teams en individuen geëvalueerd worden in relatie tot de vastgestelde doelstellingen, maar ook in relatie tot hun manier van werken.

Bekaert hecht veel belang aan voortdurende leer- en ontwikkelingsmogelijkheden voor haar medewerkers. Dergelijke programma's omvatten niet alleen technische en job-specifieke trainingen, maar ook leiderschapsmodules die onze medewerkers helpen om zichzelf te ontwikkelen en samen te werken in een globale werkomgeving.

Personeelscijfers

  • Gemiddeld 38 uur opleiding per medewerker in 2014.
  • Percentage medewerkers met een performantieopvolging:

Veiligheid meten en verbeteren

Bekaerts veiligheidsbeleid werd geïntroduceerd aan de hand van het Safety Tree model en opgevolgd via het Bekaert Safety Evaluation System (BEKSES). In 2014 werden BEKSES audits (gebaseerd op OHSAS 18001) uitgevoerd in een aantal fabrieken. In nieuwe entiteiten en vestigingen die recent werden toegevoegd aan de consolidatieperimeter, werden speciale inspanningen geleverd om het lokale veiligheidsbeheer te aligneren met de wereldwijde Bekaert aanpak.

Om het bewustzijn voor veiligheid nog verder te verhogen, heeft Bekaert alle registreerbare incidenten (ten opzicht van ongevallen met werkverlet) in haar interne veiligheidsrapportering van 2014 opgenomen.

Ten gevolge van het fatale ongeval in Slovakije in 2013 werd wereldwijd een grondig onderzoek uitgevoerd op gelijkaardige uitrusting in onze fabrieken.

Zorg voor gezondheid

Omdat we een gezonde werkomgeving belangrijk vinden, bleven we in 2014 investeren in de automatisatie van verhandelingsapparatuur en andere ergonomische voorzieningen. Ter gelegenheid van onze Internationale Gezondheids- en Veiligheidsweek hebben we een vitaliteitsprogramma opgezet, met als doel onze teams op een gezonde manier samen te laten bewegen.

Internationale Gezondheids- en Veiligheids week

Bekaert organiseert traditioneel elk jaar in september een Internationale Gezondheids- en Veiligheidsdag. In 2014 werd dit uitgebreid naar een volledige week om alle medewerkers de kans te geven om deel te nemen. Het centrale thema van deze editie was "Bekaert in beweging, veilig en gezond". De veiligheidscomponent richtte zich op intern en extern transport en op het omgaan met machines met bewegende onderdelen. In het kader van het gezondheidsluik werd een vitaliteitsuitdaging opgezet: het doel was om 80 000 km te bereiken door samen op een gezonde manier te bewegen. Dankzij de actieve deelname van alle teams wereldwijd bereikte de teller uiteindelijk 130 220 km. De vitaliteitsuitdaging heeft de toon gezet voor blijvende gezondheidsacties in onze vestigingen.

Ernstgraad = aantal dagen werkverlet als gevolg van arbeidsongevallen, per duizend gewerkte uren

Veiligheidskampioenen in geconsolideerde vestigingen

(Aantal jaar zonder ongevallen met werkverlet)

>=7 jaar >=4 jaar >= 2 jaar >= 1 jaar
Aantal fabrieken 2 1 2 9

De fabrieken die ongevalvrij zijn sinds ten minste meer dan een jaar vertegenwoordigen 30% van de Bekaert populatie (aantal medewerkers van de bovenstaande fabrieken versus totaal aantal medewerkers van de geconsolideerde vestigingen).

Door de Internationale Gezondheids- en Veiligheidsweek jaarlijks te organiseren, herbevestigen Bekaerts top management en alle management teams dat de veiligheid en gezondheid van alle Bekaert medewerkers over de hele wereld één van de belangrijkste prioriteiten van de onderneming is en blijft.

Frequentiegraad = aantal ongevallen met werkverlet per miljoen gewerkte uren

Onze verantwoordelijkheid in de markten en tegenover het milieu 27 Onze verantwoordelijkheid in de markten en tegenover het milieu

Onze verantwoordelijkheid in de gemeenschappen en in de markten

better together in de gemeenschappen waar we actief zijn

Bekaert streeft ernaar om een loyale, verantwoordelijke partner te zijn binnen de lokale gemeenschappen. We hechten er belang aan om op een transparante en constructieve manier met lokale overheden om te gaan en de nationale wetgevingen en de collectieve arbeidsovereenkomsten na te leven. Bekaert respecteert de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de verdragen en aanbevelingen van de Internationale Arbeidsorganisatie.

Ook bij overnames vindt Bekaert het uiterst belangrijk om meteen open en constructieve relaties op te bouwen met lokale overheden en sociale vertegenwoordigers. Dit was in het bijzonder het geval in de gemeenschappen die we verwelkomden als deel van de Pirelli overname.

better together met klanten en leveranciers

Bekaert heeft productiefaciliteiten en verkoopkantoren in 40 landen en bouwt langetermijnrelaties met klanten en leveranciers waar we ook actief zijn.

We slaan de handen in elkaar met klanten en leveranciers bij het ontwikkelen van projecten, het initiëren van feedback en tevredenheidsonderzoeken en het analyseren van de industrie.

In 2014 legde Bekaerts aankoopafdeling de fundamenten voor toekomstige duurzame objectieven op vlak van de toeleveringsketen. Er werden gesprekken met geselecteerde leveranciers opgezet om te onderzoeken hoe vooruitgang voor bepaalde duurzame KPI's via geïntegreerde waardeketens gemeten kan worden.

Bij jaareinde 2014 werden de eerste stappen gezet om een Gedragscode voor leveranciers uit te rollen. De lancering is voorzien voor 2015. In nauwe samenwerking met onze belangrijkste leveranciers werden gedeelde objectieven opgesteld voor 2015 om duurzaamheid vooruit te stuwen.

We werken actief samen met globale klanten, vooral uit de automobielsector, de bouwsector en

energiegerelateerde markten om hun CSR-programma's te ondersteunen door specifieke acties in ons

CSR-beleid te implementeren. Door ons als een sociaal verantwoorde leverancier te gedragen, helpen we onze klanten om hun objectieven op vlak van duurzaam ondernemen te bereiken.

Onze verantwoordelijkheid ten aanzien van het milieu

better together voor een schonere wereld: we streven er voortdurend naar om minder materialen te verbruiken, ons energieverbruik te reduceren en afval te verminderen.

Bekaerts zorg voor het milieu wordt toegepast in verschillende deelaspecten: ten eerste ontwikkelen we nieuwe, eco-vriendelijker productieprocessen voor onze fabrieken over de hele wereld. In 2014 hebben we het 'New Environmental Technologies' project afgewerkt. Het doel van het project was om onze kennis en expertise in milieutechnologieën op te bouwen en zo onze fabrieken milieuvriendelijker te maken. We hebben kostefficiënte oplossingen ontwikkeld voor alle belangrijke aspecten van afval. Praktische oplossingen omvatten het recupereren van spoelafvalwater in de productieprocessen en het conceptueel design van waterzuivering zonder lozingen volledig vermijdt. Het doel is om onze vestigingen te runnen zonder de nood om industrieel afvalwater te lozen in het stedelijk riolennet.

Ten tweede spelen preventie en risicobeheer een belangrijke rol in Bekaerts milieubeleid. In 2014 hebben we onze procedures ter preventie van bodemverontreiniging aangepast. Aan de hand van self-assessments, interne audits en het delen van best practices tussen fabrieken onderling werd een actieplan opgesteld in 2014 dat in de loop van 2015 zal worden geïmplementeerd.

Verantwoord gebruik van water is ook een prioriteit. Er werden programma's opgezet met als doel het waterverbruik op lange termijn te verminderen en een beter zicht te krijgen op de waterbalans.

In 2014 was 95% van onze geconsolideerde vestigingen ISO 14001 gecertifieerd. De certificatie van alle Bekaert fabrieken over de hele wereld blijft onze doelstelling en is een element in het integratieproces van nieuwe entiteiten en van vestigingen die toegevoegd worden aan de consolidatieperimeter. Bekaert ontving ook een certificaat voor ISO14001 en ISO9001 op groepsniveau.

Bekaert ontwikkelt producten die bijdragen aan een schoner milieu. Ecologie is een aspect dat reeds in beschouwing genomen wordt vanaf de R&D fase van nieuwe producten. In veel gevallen vormt het zelfs een drijfveer in productontwikkeling. Nieuw ontwikkelde producten met ecologische voordelen worden beschreven in het Technologiehoofdstuk.

Enkele voorbeelden:

  • Droog- en verwarmingssystemen op gas en elektrische infrarood droogtechnologieën voor de papier- en kartonindustrie of voor toepassingen in metaalverwerking.
  • Staalkoord met ternaire legeringsdeklaag (TAWI) vermindert 80% van het kobaltvolume in banden.
  • Laagkoolstofdraad bedekt met een watergebaseerde coating ter vervanging van deklagen op basis van solventen.

Onze Dramix® staalvezels in de bouwsector leiden tot minder gebruik van staal in vergelijking met traditionele betonversterkingsproducten, minder energieverbruik en snellere processen. En Bekaerts staalkoordtypes met super- en ultrahoge treksterkte verminderen het gewicht van de band en de dikte van de staalgordel in banden aanzienlijk. Zo leiden ze uiteindelijk tot een lagere rolweerstand en een lager brandstofverbruik.

Onze verantwoordelijkheid tegenover de maatschappij

Educatieve projecten vormen de basis voor eventuele sponsoring- en andere gemeenschapsactiviteiten. Daarenboven steunen we plaatselijke initiatieven en projecten voor sociale, culturele en economische ontwikkeling.

Steun aan educatieve en opleidingsinitiatieven

Wij geloven dat onderwijs en opleiding de sleutel vormen voor een duurzame toekomst. Daarom steunen wij wereldwijd initiatieven die de gemeenschappen waarin we actief zijn helpen door middel van onderwijs en opleiding.

In China heeft Bekaert sterke relaties opgebouwd met verschillende instituten. Steun aan deze instituten beperkt zich niet tot donaties van giften, boeken en ander materiaal. Bekaert medewerkers nemen ook deel aan vrijwilligerswerk om de technische bekwaamheden van de kinderen en het bewustzijn voor het milieu te verbeteren.

In Rusland steunt Bekaert kinderen met speciale noden zowel door materiaaldonaties als door hulp bij het organiseren van socio-culturele evenementen aangepast aan de behoeften van deze kinderen. Vicson, onze vestiging in Venezuela, steunt een 'Youth Leadership' program' dat gericht is op de persoonlijke ontwikkeling van jongeren, het verbeteren van hun groepswerk capaciteiten en het optimaliseren van hun studietijd. Het programma is een samenwerking tussen private bedrijven, de universiteit van Carabobo en de 'Executive Association of the Carabobo State'. In Brazilië ondersteunt Bekaert verder het 'Digital Citizenship' programma dat studenten gemakkelijkere toegang tot een opleiding in informatietechnologie verschaft.

Steun aan sociale en maatschappelijke initiatieven

We steunen maatschappelijke initiatieven voor de verbetering van sociale omstandigheden in die landen waar we actief zijn.

In het district Thiruvallur in Indië werden de gezondheidskampen die in 2012 gelanceerd werden om de gezondheidsnoden van de lokale bevolking aan te pakken, verder gezet. Meer dan 2 000 mensen verspreid over 9 dorpen namen deel aan deze gezondheidskampen.

Prodac, onze vestiging in Peru zette het 'Sarita Colonia Summer School' programma verder dat in 2008 gestart werd en lokale activiteiten en projecten voor de sociale, economische en culturele ontwikkeling van kinderen tijdens de zomervakantie organiseert. Jaarlijks nemen 100 kinderen deel.

Bekaert Corporation (Verenigde Staten) trad in 2014 toe tot de National 4-H Council. 4-H is de grootste jeugdontwikkelings- en empowerment organisatie in de VS en bereikt meer dan 7 miljoen 4-H jongeren in verstedelijkte gebieden, voorstedelijke schoolbuurten en landbouwgemeenschappen. Gesteund door een universitair curriculum, nemen 4-H'ers deel aan leeractiviteiten in het domein van wetenschap, gezond leven en voedselveiligheid. Van 1 juni 2014 tot 30 mei 2015 zal Bekaert Corporation 1% van de omzet op alle Premium Gaucho® draadomheiningen met hoge sterkte doneren aan 4-H. Bekaert drukt hiermee haar engagement uit om Amerika's grootste jeugdontwikkelingsorganisatie te helpen om een positieve verandering en een betere toekomst voor de jeugd te creëren.

Verslag van de Raad van Bestuur

Verslag van de Raad van Bestuur conform artikel 119 van het Wetboek van vennootschappen

Kerncijfers

Gezamenlijke cijfers

in miljoen € 2013 2014 Delta
Omzet 4 111 4 040 -1,7%
Investeringen 108 160 48,7%
Personeel op 31 december 26 325 28 372 7,8%

Geconsolideerde rekeningen

in miljoen € 2013 2014 Delta
Omzet 3 186 3 216 0,9%
Bedrijfsresultaat vóór éénmalige opbrengsten en kosten (REBIT) 166 164 -0,9%
Bedrijfsresultaat (EBIT) 137 171 24,8%
Eénmalige opbrengsten en kosten* -29 7
Financieel resultaat -84 -67
Winstbelasting -48 -42
Aandeel in het resultaat van joint ventures 30 25 -16,2%
Perioderesultaat 36 88 142,7%
Groep 25 87 254,8%
Minderheidsbelangen van derden 11 0 -96,7%
EBITDA 297 342 15,1%
Afschrijvingen (MVA) 162 153 -5,6%
Waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen -2 29
Negatieve goodwill - -11

Balans Eigen vermogen 1 504 1 566 4,1% Vaste activa 1 609 1 851 15,1% Investeringen (MVA) 95 133 40,3% Balanstotaal 3 380 3 958 17,1% Nettoschuld 574 853 48,6% Kapitaalgebruik (CE) 2 119 2 524 19.1% Werkkapitaal 793 975 22,9%

Personeel op 31 december 21 790 24 127 10,7%

Ratios

EBITDA op omzet 9,3% 10,6%
REBIT op omzet 5,2% 5,1%
EBIT op omzet 4,3% 5,3%
EBIT interest dekking 2,4 3,0
ROCE (EBIT op kapitaalgebruik) 6,1% 7,7%
ROE (winst op eigen vermogen) 2,3% 5,7%
Eigen vermogen op totaal activa 44,5% 39,6%
Nettoschuld op eigen vermogen* 38,2% 54,5%
Nettoschuld op EBITDA 1,9 2,5

Joint ventures en geassocieerde ondernemingen in miljoen € 2013 2014 Delta Omzet 925 824 -10,9% Bedrijfsresultaat 95 78 -18,3% Winst van het boekjaar 76 64 -16,1% Investeringen (MVA) 13 28 108,1% Afschrijvingen 21 17 -21,0% Personeel op 31 december 4 535 4 245 -6,4% Winstaandeel in consolidatie 30 25 -16,3% Eigen vermogen 151 151 -0,1%

Kerncijfers per aandeel NV Bekaert SA 2013 2014 Delta

Aantal aandelen op 31 december 60 063 871 60 111 405 0,1%
Beurskapitalisatie op 31 december (in miljoen €) 1 545 1 584 2,5%

Per aandeel

in € 2013 2014 Delta
EPS 0,42 1,51 259.5%
Bruto-dividend** 0,85 0,85 =
Netto-dividend** 0,6375 0,6375 =
Valorisatie
in € 2013 2014 Delta
Koers op 31 December 25,72 26,35 2,4%
Koers (gemiddelde) 24,926 27,155 8,9%

3 262 3 340 3 461 3 186 3 216 4 000 3 000 2 000 1 000 2010 2011 2012 2013 2014

EBIT op omzet

Geconsolideerde omzet per segment

* Inclusief beperkte effecten van IAS19 herwerking.

** Het dividend is onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2015

Kerncijfers per segment

in miljoen € 2013 2014
Geconsolideerde omzet 1 040 1 064
Bedrijfsresultaat (EBIT) 85 116
EBIT op omzet 8,2% 10,9%
EBITDA 133 165
EBITDA op omzet 12,8% 15,5%
Gezamenlijke omzet 1 028 1 049

EMEAEMEA € 1 049 miljoen Gezamenlijke omzet

Noord-Amerika

in miljoen € 2013 2014
Geconsolideerde omzet 548 555
Bedrijfsresultaat (EBIT) 8 28
EBIT op omzet 1,5% 5,0%
EBITDA 22 38
EBITDA op omzet 4,0% 6,8%
Gezamenlijke omzet 548 555
Noord-Amerika
Noord-Amerika
€ 555 miljoen
Gezamenlijke omzet
14%

Latijns-Amerika

in miljoen € 2013
2014
Geconsolideerde omzet 645 631
Bedrijfsresultaat (EBIT) 44 34
EBIT op omzet 6,8% 5,4%
EBITDA 64 40
EBITDA op omzet 9,9% 6,3%
Gezamenlijke omzet 1 543 1 422
Latijns-Amerika
€ 1 422 miljoen
Gezamenlijke omzet
35%
---------------------------------------------------------- -----

Pacifisch Azië

in miljoen € 2013 2014
Geconsolideerde omzet 953 966
Bedrijfsresultaat (EBIT) 73 54
EBIT op omzet 7,7% 5,6%
EBITDA 153 159
EBITDA op omzet 16,1% 16,5%
Gezamenlijke omzet 1 001 1 014
25%
Pacifisch Azië
€ 1 014 miljoen
Gezamenlijke omzet
----------------------------------------------------------------

Omzet Noord-Amerika

Omzet Latijns-Amerika

Omzet Pacifisch Azië in miljoen €

Joint ventures en geassocieerde ondernemingen Geconsolideerd

Samenvatting van het financieel overzicht

Omzet en financieel overzicht

Omzet

Bekaert realiseerde in 2014 een geconsolideerde omzet van € 3,2 miljard en een gezamenlijke omzet van € 4,0 miljard, stabiel in vergelijking met vorig jaar. De organische groei (+2,8%) werd door ongunstige wisselkoersschommelingen tenietgedaan op het niveau van de omzet van de Groep, in het bijzonder door de impact van de Chileense peso.

Het effect van valutaschommelingen was uiterst negatief op het niveau van de gezamenlijke omzet door de gemiddelde waardevermindering van de Braziliaanse real over het boekjaar 2014.

Dividend

De Raad van Bestuur zal aan de Algemene Vergadering van aandeelhouders op 13 mei 2015 voorstellen om een brutodividend uit te keren van € 0,85 per aandeel. Het dividend zal, na goedkeuring door de Algemene Vergadering van aandeelhouders, betaalbaar worden vanaf 19 mei 2015.

Samenvatting van het financieel overzicht

Financiële Resultaten

Bekaert heeft een operationeel resultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) geboekt van € 164 miljoen (tegenover €166 miljoen in 2013). Dit stemt overeen met een REBIT-marge op omzet van 5,1%. De eenmalige opbrengsten en kosten bedroegen € 7 miljoen (in vergelijking met € -29 miljoen vorig jaar), in hoofdzaak gerelateerd aan de erkenning van negatieve goodwill op bedrijfscombinaties en de meerwaarde op de verkoop van vastgoed. Het operationeel resultaat (EBIT) na eenmalige kosten bedroeg € 171 miljoen, wat neerkomt op een marge van 5,3% (versus 4,3%). EBITDA bedroeg € 342 miljoen, wat een EBITDA-marge op omzet vertegenwoordigde van 10,6% (versus 9,3%).

De commerciële en administratieve kosten stegen met € 12 miljoen tot € 265 miljoen ten gevolge van een terugname op provisies voor dubieuze debiteuren in 2013 en kosten opgelopen door de acquisitietransacties.

Kosten voor onderzoek en ontwikkeling namen met € 3 miljoen af tot € 59 miljoen als gevolg van efficiëntiewinsten. De renteopbrengsten en -lasten bedroegen € -63 miljoen (ten opzichte van € -64 miljoen) ten gevolge van een lager dan gemiddelde rentevoet op brutoschuld. Overige financiële opbrengsten en lasten bedroegen € -4 miljoen (ten opzichte van € -20 miljoen), voornamelijk door valutaschommelingen. De winstbelasting bedroeg € 42 miljoen, tegenover € 48 miljoen vorig jaar.

Het aandeel in de resultaten van joint ventures en geassocieerde ondernemingen daalde van € 30 miljoen naar € 25 miljoen als gevolg van de moeilijke economische omgeving in Brazilië.

Het perioderesultaat bedroeg bijgevolg € 88 miljoen in vergelijking met € 36 miljoen in 2013. Het resultaat toerekenbaar aan de minderheidsbelangen van derden was beperkt tot € 0,4 miljoen ten gevolge van verliezen en bijzondere waardeverminderingen in vestigingen in Zuid-Oost Azië. Na aftrek van de minderheidsbelangen van derden bedroeg het perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep € 87 miljoen, vergeleken met € 25 miljoen vorig jaar. EPS (perioderesultaat per aandeel) steeg tot € 1,51 (€ 0,42 in 2013).

Balans

Op 31 december 2014 vertegenwoordigde het eigen vermogen 39,6% van de totale activa. De nettoschuld op eigen vermogen (gearing ratio) bedroeg 54,5% (tegenover 38,2%).

Kasstroomoverzicht

De nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten bedroegen € 187 miljoen (2013: € 306 miljoen). Het operationeel werkkapitaal steeg met € 55 miljoen. De nettokasstroom uit investeringsactiviteiten bedroeg € -225 miljoen waaronder € -133 miljoen voor investeringen in materiële vaste activa en € -110 miljoen op nieuwe bedrijfscombinaties. Kasstromen uit financieringsactiviteiten bedroegen € 88 miljoen (tegenover € -192 miljoen in 2013) en waren onder meer het gevolg van € 194 miljoen gespendeerd aan interesten, dividenden en de inkoop van eigen aandelen en de uitgifte van de converteerbare obligatie (€ 300 miljoen).

Investeringsupdate en overige informatie

Op 6 januari 2015 hebben Bekaert en Pirelli de overname door Bekaert van Pirelli's staalkoordvestiging in Izmit, Turkije, succesvol afgerond. Deze afronding volgde op de eigendomsoverdracht van de staalkoordvestigingen in Figline (Italië), Slatina (Roemenië), en Sumaré (Brazilië) zoals werd aangekondigd op 18 december 2014. De overeenkomst tussen Bekaert en Pirelli behelst ook de staalkoordactiviteiten van Pirelli in Yanzhou (China). De afronding van de overname van de staalkoordvestiging in Yanzhou, China, zal plaatsvinden wanneer de betrokken wettelijke goedkeuringen zijn verkregen. De financiële resultaten van de vestiging in Italië, Roemenië en Brazilië zijn opgenomen in de geconsolideerde rekeningen van Bekaert vanaf 1 januari 2015. De resultaten van de vestiging in Turkije worden vanaf 1 februari 2015 opgenomen.

Bekaert kondigde op 5 februari 2015 de overname aan van de staalkabelactiviteiten van Arrium Ltd in Newcastle, Australië. De integratie van de Australische kabelactiviteiten zal de groeistrategie van Bekaert in deze business ondersteunen en zal de Groep in staat stellen om een globale leidende marktpositie in te nemen in de markt van staalkabels voor de mijnbouw. Er wordt verwacht dat deze transactie op jaarbasis € 40 miljoen zal bijdragen aan de geconsolideerde omzet van Bekaert. De overname heeft een ondernemingswaarde van circa € 60 miljoen. Bekaert en Arrium rekenen op een afronding van de transactie in de loop van het eerste kwartaal van 2015. Bij afronding zullen de Australische kabelactiviteiten geïntegreerd worden in de Bekaert Rope Group. In deze onlangs opgerichte groep bezitten Bekaert en de Chileense partners (via Matco Cables SpA) nu respectievelijk 65% en 35% van alle staalkabelvestigingen in Canada, Chili, Peru, Brazilië en de Verenigde Staten.

Naast de 1 652 677 eigen aandelen in bezit op 31 december 2013, kocht Bekaert 2 622 333 eigen aandelen in de loop van 2014. Geen van die aandelen werden verkocht in het kader van aandelenoptieplannen of geannuleerd in 2014. Bijgevolg hield de onderneming bij jaareinde een totaal van 4 275 010 eigen aandelen aan.

De nettoschuld steeg van € 574 miljoen naar € 853 miljoen als gevolg van investeringen en acquisities. De acquisitie-impact van de Pirelli staalkoordvestigingen vertegenwoordigde hierin € 207 miljoen. Nettoschuld op EBITDA bedroeg 2.5. Zonder de Pirelli impact bedroeg nettoschuld op EBITDA 1.9, onveranderd ten opzichte van vorig jaar.

Segment rapporten

EMEA

De Europese marktvraag was in de meeste sectoren sterk gedurende het hele jaar 2014. De vraag in de automobielsector in het bijzonder zorgde voor volumegroei van staalkoord- en andere staaldraadtoepassingen in de regio.

Onze activiteiten in EMEA boekten sterke resultaten op basis van de volumetoename en een gunstige product-mix. Bekaert tekende een REBIT-stijging voor de regio op van 30% en tilde de winstmarges naar recordhoogte. EMEA leverde zo de grootste bijdrage aan het geconsolideerde resultaat van de Groep over het boekjaar 2014.

De eenmalige opbrengsten en kosten bedroegen € +2 miljoen en hadden hoofdzakelijk betrekking op de meerwaarde op de verkoop van vastgoed in België, wat gedeeltelijk werd gecompenseerd door waardeverminderingen. De investeringen in materiële vaste activa bedroegen € 33 miljoen en betroffen vooral capaciteitsuitbreidingen in Slovakije en België.

Bekaert verwacht dat de solide vraag en prestaties in de meeste Europese markten zullen aanhouden. Europa zal zelfs nog een grotere bijdrage leveren aan de geconsolideerde cijfers van de Groep dankzij de integratie van de staalkoordactiviteiten van Pirelli in Roemenië, Italië en Turkije.

Noord-Amerika

Het aantrekken van de vraag in automobielmarkten kon in 2014 de daling van de vraag voor onze activiteiten in Noord-Amerikaanse industriële, bouw- en landbouwmarkten niet goedmaken.

Bekaert's activiteiten realiseerden hogere volumes in vergelijking met een zwak 2013. Het segmentrendement bleef echter ondermaats door de onderbenutting van de productiecapaciteit en door prijsdruk van importstromen. Bovenop de gebruikelijke seizoenseffecten bij jaareinde werd Bekaert getroffen door een brand met structurele schade aan delen van de fabriek in Rome (Georgia).

De eenmalige opbrengsten en kosten

bedroegen € +8 miljoen en betroffen vooral de erkenning van verzekeringsinkomsten met betrekking tot de brandschade in Rome, terwijl toekomstige kosten verbonden aan de heropbouw van de plant in 2015 worden geboekt.

De investeringen in materiële vaste activa bedroegen € 26 miljoen en hadden vooral betrekking op kabel-, staalkoord-, en hieldraadactiviteiten.

Bekaert houdt voor 2015 rekening met een lichte verbetering in de meeste markten, maar verwacht geen ingrijpende ommekeer in rendabiliteit gezien de aanhoudende prijsdruk enerzijds en de toegenomen transportkosten en gedeeltelijke volumeverliezen veroorzaakt door de brand in Rome anderzijds.

Latijns-Amerika

De Latijns-Amerikaanse markten werden gekenmerkt door een verhoogde competitiviteit als gevolg van toegenomen importstromen uit Azië. Lagere overheidsbudgetten en –uitgaven ten gevolge van prijsdalingen voor koper, petroleum en andere grondstoffen hebben geleid tot een vertraging van activiteiten in de mijnbouw en de openbare infrastructuursector. Fiscale hervormingen en verkiezingen verhoogden de onzekerheid in diverse landen en sectoren. De economie in Venezuela kwam tot stilstand ten gevolge van de politieke en monetaire instabiliteit.

Zonder de impact van acquisities en van Venezuela waar het volumeverlies meer dan 40% bedroeg door noodgedwongen tijdelijke fabriekssluitingen ten gevolge van tekorten aan grondstoffen – realiseerden Bekaerts activiteiten in Latijns-Amerika stabiele volumes doorheen het boekjaar. De omzet voor de regio nam aanzienlijk toe in de tweede helft van 2014 (+15% tegenover 2013), dankzij een betere prijs-mix en een beduidend lagere impact van ongunstige valutaeffecten zoals opgetekend in de eerste jaarhelft. De winstmarges namen enigszins toe in de tweede helft van 2014 maar bleven op een laag niveau als gevolg van de concurrentie met imports en de integratie- en opstartkosten in Costa Rica.

De eenmalige opbrengsten en kosten hadden vooral betrekking op aanpassingen van pensioenplannen, de overname in Costa Rica en de aankoop van de resterende aandelen van de staalkabelactiviteiten in Brazilië.

Bekaert investeerde € 32 miljoen in materiële vaste activa, waaronder de bouw en uitrusting van de nieuwe Dramix® vestiging in Costa Rica.

De aanzienlijke impact van wisselkoersschommelingen op de gezamenlijke omzet was te wijten aan de volatiliteit van de Braziliaanse real. Hoewel de munt bij jaareinde opveerde, bedroeg het totale gemiddelde effect van de real in vergelijking met vorig jaar € -71 miljoen op de omzet.

Bekaert verwacht voor de geconsolideerde vennootschappen een relatief stabiele vraag in het eerste kwartaal van 2015. De integratie van de overgenomen staalkabelactiviteiten van Pirelli in Brazilië zal vanaf 1 januari 2015 bijdragen aan de financiële resultaten van Bekaert.

Bekaert verwacht een verzwakking van de business omgeving in Brazilië, in lijn met algemene trends voor de Braziliaanse economie.

Pacifisch Azië

Bekaerts activiteiten in Pacifisch Azië tekenden een volumegroei op van 6% tegenover vorig jaar. Dit was het gevolg van een sterke omzet in Azië gedurende de eerste negen maanden van het jaar, gevolgd door een zwak vierde kwartaal door een algemene vertraging van de vraag in de Chinese bandenmarkten. Prijserosie, wisselkoerseffecten en doorgerekende lagere walsdraadprijzen hebben de omzetgroei in de regio beperkt tot 1,3% jaar-op-jaar.

Bekaert hield de prijszetting in China stabiel gedurende het zwakke laatste kwartaal van 2014 en verloor marktaandeel in de markt van vrachtwagenbanden.

Bekaerts staalkoordactiviteiten in Indië kenden solide groei. De onderneming heeft ook haar leidende marktpositie en –aandeel behouden in de groeiende markt van de zonne-energie in China. De impact van deze positieve evoluties werd echter tenietgedaan door de aanhoudende zwakke prestaties van de recente overnames in Zuid-Oost-Azië. De eenmalige opbrengsten en kosten waren voornamelijk gerelateerd aan waardeverminderingen op activiteiten in Zuid-Oost-Azië.

Bekaert heeft intensief geïnvesteerd in de regio met een totaal van € 51 miljoen in materiële vaste activa in 2014.

Bekaert verwacht dat de marktomstandigheden in China moeilijk zullen blijven gedurende het eerste kwartaal van 2015. De onderneming neemt maatregelen om de kostenefficiëntie van haar activiteiten te verbeteren en de ondermaatse prestaties in Maleisië op te lossen.

Corporate governance verklaring

Raad van Bestuur en Uitvoerend Management

In uitvoering van de oorspronkelijke, in 2004 gepubliceerde, Belgische Corporate Governance Code heeft de Raad van Bestuur op 16 december 2005 het Bekaert Corporate Governance Charter goedgekeurd. Ingevolge de publicatie van de Belgische Corporate Governance Code 2009 heeft de Raad van Bestuur op 22 december 2009 besloten de Code 2009 als referentiecode voor Bekaert te hanteren en het Bekaert Corporate Governance Charter aan te passen. Op 13 november 2014 heeft de Raad van Bestuur het Bekaert Corporate Governance Charter verder aangepast (het "Bekaert Charter").

Bekaert leeft in beginsel de Belgische Corporate Governance Code na, en legt in het Bekaert Charter en in deze Corporate Governance verklaring uit waarom ze afwijkt van enkele bepalingen ervan.

De Belgische Corporate Governance Code is beschikbaar op www.corporategovernancecommittee.be.

Het Bekaert Corporate Governance Charter is beschikbaar op www.bekaert.com.

Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur bestaat uit veertien leden, die door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd worden. Acht bestuurders zijn benoemd op voordracht van de hoofdaandeelhouders. De functies van Voorzitter en van Gedelegeerd Bestuurder worden nooit door dezelfde persoon uitgeoefend. De Gedelegeerd Bestuurder is het enig lid van de Raad met een uitvoerende functie. Alle andere leden zijn niet-uitvoerende bestuurders.

Vier bestuurders zijn onafhankelijk op grond van de criteria van artikel 526ter van het Wetboek van vennootschappen en van bepaling 2.3 van de Belgische Corporate Governance Code: de heer Alan Begg (voor het eerst benoemd in 2008), Lady Barbara Judge (voor het eerst benoemd in 2007), de heer Manfred Wennemer (voor het eerst benoemd in 2009, onafhankelijk sedert 1 januari 2010), en mevrouw Mei Ye (voor het eerst benoemd in 2014).

De Raad heeft in 2014 zeven vergaderingen gehouden, zes gewone en één buitengewone. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet, de statuten en het Bekaert Charter, behandelde de Raad van Bestuur in 2014 onder meer de volgende onderwerpen:

  • het business plan voor 2014;
  • de voortdurende opvolging van de schuld- en liquiditeitspositie van de Groep;
  • een bespreking van Bekaerts strategie;
  • de inkoop van eigen aandelen;
  • het business plan voor de periode 2015-2017;
  • de successieplanning op het niveau van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management;
  • de uitgifte van converteerbare obligaties;
  • de overname van Pirelli's staalkoordactiviteiten;
  • de manier van werken van de Raad van Bestuur;
  • het vijfde en laatste gewone aanbod van aandelenopties uit hoofde van het SOP2010-2014.

35 Corporate governance verklaring

Naam Aanvang eerste
mandaat
Einde huidig
mandaat
als bestuurder
Hoofdfunctie (*) Aantal bijgewoonde
gewone/buitengewone vergaderingen
Voorzitter
Bert De Graeve(1)(3) 2006 2015 NV Bekaert SA 3/1
Paul Buysse(2) 2000 2014 NV Bekaert SA 3
Gedelegeerd Bestuurder
Matthew Taylor(1) 2014 2018 NV Bekaert SA 3/0
Bert De Graeve(2)(3) 2006 2015 NV Bekaert SA 3
Leden voorgedragen door de hoofdaandeelhouders
Leon Bekaert 1994 2015 Bestuurder van vennootschappen 6/1
Roger Dalle 1998 2015 Bestuurder van vennootschappen 6/0
Charles de Liedekerke 1997 2015 Bestuurder van vennootschappen 6/0
François de Visscher 1992 2016 President, de Visscher & Co. LLC (VS) 5/0
Hubert Jacobs van
Merlen
2003 2015 Bestuurder van vennootschappen 6/0
Maxime Jadot 1994 2015 Gedelegeerd Bestuurder en Voorzitter van het
Directiecomité, BNP Paribas Fortis (België)
6/0
Bernard van de Walle
de Ghelcke
2004 2016 Of Counsel, Linklaters LLP (België) 6/0
Baudouin Velge 1998 2016 Managing Partner, Interel (België) 6/0
Onafhankelijke bestuurders
Alan Begg 2008 2018 Bestuurder van vennootschappen 6/0
Lady Barbara Judge
CBE
2007 2016 Chairman of the UK Pension Protection Fund
(Verenigd Koninkrijk)
Chairman Emeritus of the UK Atomic Energy
Authority (Verenigd Koninkrijk)
6/0
Manfred Wennemer 2009 2015 Bestuurder van vennootschappen 6/0
Mei Ye(1) 2014 2018 Onafhankelijk bestuurder en adviseur van
vennootschappen
3/0
Andere leden
Anthony Galsworthy(2) 2004 2014 Advisor to Standard Chartered Bank (Verenigd
Koninkrijk)
3

(1) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014

(2) Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014

(3) Bert De Graeve werd voor het eerst benoemd als lid van de Raad van Bestuur in 2006. In 2014 werd hij Voorzitter van de Raad van Bestuur

(*) Het curriculum vitae van de leden van de Raad van Bestuur is terug te vinden op www.bekaert.com

Comités van de Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur heeft drie adviserende comités opgericht.

Audit en Finance Comité

De samenstelling van het Audit en Finance Comité is conform artikel 526bis §2 van het Wetboek van vennootschappen: zijn vier leden zijn niet-uitvoerende bestuurders, en één lid, Lady Barbara Judge, is onafhankelijk. Het Comité wordt voorgezeten door haar onafhankelijke bestuurder, Lady Barbara Judge. Haar deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit blijkt uit haar functie van ondervoorzitter van de Financial Reporting Council, de Britse toezichthouder voor boekhouding en corporate governance, die ze tot eind 2007 uitgeoefend heeft.

In afwijking op bepaling 5.2/4 van de Belgische Corporate Governance Code, volgens hetwelk op zijn minst een meerderheid van de leden onafhankelijk moet zijn, is Bekaert van oordeel dat het Audit en Finance Comité de evenwichtige samenstelling van de voltallige Raad moet weerspiegelen.

De Gedelegeerd Bestuurder en de Chief Financial Officer zijn geen lid van het Comité, maar worden tot zijn vergaderingen uitgenodigd. Deze regeling waarborgt de noodzakelijke interactie tussen Raad van Bestuur en Uitvoerend Management.

Naam Einde huidig
mandaat als
bestuurder
Aantal
bijgewoonde
gewone/
buitengewone
vergaderingen
Lady Barbara Judge CBE 2016 4/1
Bert De Graeve(1) 2015 2
Hubert Jacobs van Merlen(1) 2015 2
Baudouin Velge 2016 4/1
Paul Buysse(2) 2014 2/1
François de Visscher(2) 2016 1/1

(1) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014

(2)Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014

Het Comité heeft in 2014 vijf vergaderingen gehouden, vier gewone en één buitengewone. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en van het Bekaert Charter behandelde het Comité voornamelijk de volgende onderwerpen:

  • de financieringsstructuur van de Groep;
  • de schuld- en liquiditeitspositie;
  • de activiteitenverslagen van het interne audit departement;
  • de verslagen van de commissaris.

Benoemings- en Remuneratiecomité

De samenstelling van het Benoemings- en Remuneratiecomité is conform artikel 526quater §2 van het Wetboek van vennootschappen: zijn drie leden zijn niet-uitvoerende bestuurders, het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur, en zijn twee overige leden, de heer Begg en Lady Barbara Judge, zijn onafhankelijk. De deskundigheid van het Comité op het gebied van remuneratiebeleid blijkt uit de relevante ervaring van zijn leden.

Naam Einde huidig
mandaat als
bestuurder
Aantal bijgewoonde
vergaderingen
Bert De Graeve(1) 2015 3
Alan Begg 2018 4
Lady Barbara Judge CBE 2016 4
Paul Buysse(2) 2014 1

(1) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014

(2) Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014

Twee door de hoofdaandeelhouders voorgedragen bestuurders worden tot de vergaderingen van het Comité uitgenodigd zonder dat ze er lid van zijn.

Het Comité vergaderde in 2014 vier maal. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en van het Bekaert Charter behandelde het Comité voornamelijk de volgende onderwerpen:

  • de samenstelling van het Bekaert Group Executive (BGE);
  • de variabele vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het Uitvoerend Management voor 2013;
  • het basissalaris van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het Uitvoerend Management voor 2014;
  • de duur van het bestuurdersmandaat;
  • de benoeming en herbenoeming van bestuurders en de benoeming van de Erevoorzitter;
  • de samenstelling van de Comités van de Raad van Bestuur;
  • de positionering van de vergoeding van de leden van het Uitvoerend Management;
  • talent management;
  • het lange termijn incentiveplan voor managers.

Strategisch Comité

Het Strategisch Comité telt zes leden, waarvan er vijf niet-uitvoerende bestuurders zijn. Het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur, en bestaat voorts uit de Gedelegeerd Bestuurder en vier bestuurders.

Naam Einde huidig
mandaat
Aantal bijgewoonde
vergaderingen
Bert De Graeve 2015 3
Leon Bekaert 2015 3
Charles de Liedekerke 2015 3
Maxime Jadot 2015 2
Matthew Taylor(1) 2018 2
Manfred Wennemer(1) 2015 2
Paul Buysse(2) 2014 1
Anthony Galsworthy(2) 2014 1

(1) Sedert de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014

(2) Tot en met de Gewone Algemene Vergadering in mei 2014

Het Comité vergaderde in 2014 drie maal. Het besprak de strategie van Bekaert alsmede diverse strategische projecten.

Evaluatie

De voornaamste kenmerken van de werkwijze voor het evalueren van de Raad van Bestuur, zijn Comités en de individuele bestuurders zijn beschreven in dit hoofdstuk en in paragraaf II.3.4 van het Bekaert Charter. De Voorzitter is belast met de organisatie van periodieke prestatiebeoordelingen door middel van een uitgebreide vragenlijst die betrekking heeft op:

  • de werking van de Raad of van het Comité;
  • de grondige voorbereiding en bespreking van belangrijke onderwerpen;
  • de individuele bijdrage van elke bestuurder;
  • de huidige samenstelling van de Raad of het Comité, vergeleken met zijn gewenste samenstelling;
  • de interactie van de Raad met het Uitvoerend Management.

In 2014 heeft een externe consultant de Voorzitter ondersteund bij een oefening waarbij de werking van de Raad van Bestuur en de interactie met het Uitvoerend Management werd geëvalueerd. De consultant heeft een online enquête georganiseerd voor alle bestuurders en heeft alle bestuurders geïnterviewd. De belangrijkste bevindingen hiervan en de toekomstige manier van werken werden besproken door de Raad van Bestuur.

Wet vertegenwoordiging vrouwen

In het kader van het actieplan ter voldoening aan de wettelijke vereiste dat met ingang van 1 januari 2017 ten minste één derde van de leden van de Raad van Bestuur van een ander geslacht is dan dat van de overige leden, werd mevrouw Mei Ye op 14 mei 2014 onafhankelijk lid van de Raad van Bestuur. De search naar vrouwelijke kandidaten wordt voortgezet.

Uitvoerend Management

Het Bekaert Group Executive (BGE) draagt de collectieve verantwoordelijkheid voor het bereiken van de lange termijn en korte termijn doelstellingen van de Groep. Het wordt voorgezeten door de Gedelegeerd Bestuurder en heeft de volgende evenwichtige samenstelling:

  • leden die de globale business platforms vertegenwoordigen, met verantwoordelijkheid voor klanten en strategie en voor het bereiken van de lange termijn marge- en groeidoelstellingen van hun platforms;
  • leden die de regionale operaties vertegenwoordigen, met verantwoordelijkheid voor het uitvoeren en bereiken van de jaarlijkse doelstellingen in hun regio's; en
  • leden die de globale functies vertegenwoordigen, met verantwoordelijkheid voor functionele uitmuntendheid en voor compliance in hun functiegebieden.

Dominique Neerinck treedt per 31 maart 2015 uit het BGE na negen jaar lid geweest te zijn van het BGE.

Vanaf 1 april 2015 bestaat het BGE uit de volgende leden:

Naam Functie Benoeming als
lid van het BGE
Matthew Taylor Gedelegeerd Bestuurder 2013
Lieven
Larmuseau
Algemeen Directeur Platform
Rubberversterking
2014
Piet Van Riet Algemeen Directeur Platform
Industriële Producten en Platform
Gespecialiseerde Producten
2014
Frank Vromant Algemeen Directeur Regionale
Operaties Europa, Noord-Amerika
en Zuid-Azië
2011
Curd
Vandekerckhove
Algemeen Directeur Regionale
Operaties Noord-Azië en
Zuidoost-Azië
2012
Bruno Humblet Chief Financial Officer en
Algemeen Directeur Regionale
Operaties Latijns-Amerika
2006
Geert Van Haver Chief Technology Officer en
Algemeen Directeur
2014
Bart Wille Chief Human Resources Officer
en Algemeen Directeur
2013

Regels van behoorlijk gedrag

Wettelijke belangenconflicten in de Raad van Bestuur

Volgens artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen moet een lid van de Raad van Bestuur de overige leden vooraf informeren over agendapunten waaromtrent het rechtstreeks of onrechtstreeks een met de vennootschap strijdig belang van vermogensrechtelijke aard heeft en moet het zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en de stemming daarover. Een dergelijk belangenconflict kwam in 2014 twee maal voor, waarbij telkens de bepalingen van artikel 523 nageleefd werden.

Op 27 februari 2014 moest de Raad van Bestuur zich uitspreken over de vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder. Uittreksel uit de notulen:

BESLUIT:

Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité:

  • keurt de Raad de voorgestelde korte termijn variabele vergoeding goed voor de Gedelegeerd Bestuurder uit hoofde van zijn prestatie in 2013;
  • neemt de Raad akte van het feit dat geen middellange termijn variabele vergoeding betaalbaar is uit hoofde van de periode 2011-2013;
  • keurt de Raad de doelstellingen goed voor de korte termijn variabele vergoeding voor de Groep, de Gedelegeerd Bestuurder en zijn opvolger voor 2014.

Op 13 november 2014 moest de Raad van Bestuur zich uitspreken over het aanbod van opties aan de Gedelegeerd Bestuurder onder het SOP2010-2014 voor 2015. Uittreksel uit de notulen:

BESLUIT:

Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad goed:

het aanbod van 36 000 opties aan de Gedelegeerd Bestuurder, naast het gelijktijdige contractuele tweede "sign-on" aanbod van 50 000 opties.

Andere transacties met bestuurders en Uitvoerend Management

Het Bekaert Charter bevat gedragsregels met betrekking tot rechtstreekse en onrechtstreekse belangenconflicten van de leden van de Raad van Bestuur en van het BGE die buiten de werkingssfeer van artikel 523 van het Wetboek van vennootschappen vallen. Deze leden worden geacht met Bekaert verbonden partijen te zijn, en moeten jaarlijks melding maken van rechtstreekse of onrechtstreekse transacties met Bekaert of haar dochterondernemingen. Bekaert is niet op de hoogte van enig potentieel belangenconflict betreffende dergelijke transacties in 2014 (cf. Toelichting 7.5 bij de geconsolideerde jaarrekening).

Marktmisbruik

Conform bepaling 3.7 van de Belgische Corporate Governance Code heeft de Raad van Bestuur op 27 juli 2006 de Bekaert Insider Dealing Code uitgevaardigd, die integraal is opgenomen in Appendix 4 van het Bekaert Charter. Op 13 november 2014 heeft de Raad van Bestuur de Bekaert Insider Dealing Code gewijzigd in lijn met een aantal organisatorische veranderingen, met inwerkingtreding op 1 januari 2015. De Bekaert Insider Dealing Code legt de leden van de Raad van Bestuur, het BGE, het senior management en bepaalde andere personen beperkingen op inzake transacties in Bekaert-effecten tijdens gesloten periodes en sperperiodes. De Code bevat ook regels aangaande de interne meldingsplicht van voorgenomen transacties, alsmede de openbaarmaking van uitgevoerde transacties middels een melding aan de FSMA. De Voorzitter van de Raad van Bestuur is de Compliance Officer voor de Bekaert Insider Dealing Code.

Remuneratie verslag

1. Beschrijving van de in 2014 gehanteerde procedure om (i) een remuneratiebeleid te ontwikkelen voor de niet-uitvoerende bestuurders en het Uitvoerend Management, en (ii) de remuneratie te bepalen van de individuele bestuurders en uitvoerende managers

Het remuneratiebeleid voor niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op aanbeveling van de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. Het beleid werd goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van 10 mei 2006, en gewijzigd door de Gewone Algemene Vergaderingen van 11 mei 2011 en van 14 mei 2014.

Het remuneratiebeleid voor de Gedelegeerd Bestuurder wordt bepaald door de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Gedelegeerd Bestuurder neemt aan deze procedure niet deel. Het Comité verzekert de conformiteit met het remuneratiebeleid van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder met de vennootschap. Een kopie van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder is op verzoek van een bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.

Het remuneratiebeleid voor de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder wordt bepaald door de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Gedelegeerd Bestuurder heeft een adviserende rol in deze procedure. Het Comité verzekert de conformiteit met het remuneratiebeleid van het contract van elk BGE lid met de vennootschap. Een kopie van elk contract is op verzoek van een bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.

2. Verklaring over het in 2014 gehanteerde remuneratiebeleid voor de niet-uitvoerende bestuurders en de uitvoerende managers

Niet-uitvoerende bestuurders

De remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders wordt bepaald op basis van zes gewone vergaderingen van de voltallige Raad van Bestuur per jaar. Een gedeelte van de remuneratie wordt betaald in functie van het aantal gewone vergaderingen dat de niet-uitvoerende bestuurder persoonlijk bijwoont.

Niet-uitvoerende bestuurders die lid zijn van een Comité van de Raad van Bestuur ontvangen een vergoeding voor elke Comité-vergadering die ze persoonlijk bijwonen. In zijn hoedanigheid van uitvoerend bestuurder ontvangt de Gedelegeerd Bestuurder die vergoeding niet.

Indien de Raad van Bestuur in een specifieke aangelegenheid de bijstand van een bestuurder verzoekt op grond van zijn/haar onafhankelijkheid en/of bekwaamheid, is die bestuurder, voor elke sessie die een specifieke verplaatsing en tijd vergt, gerechtigd op een vergoeding gelijk aan het toepasselijke variabele bedrag voor een persoonlijk bijgewoonde vergadering van een Comité van de Raad van Bestuur.

Het concrete bedrag van de vergoeding van de bestuurders wordt door de Gewone Algemene Vergadering voor het lopende boekjaar bepaald. De vergoeding van de bestuurders wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties om te verzekeren dat personen kunnen worden aangetrokken met competenties die aan de internationale ambities van de Groep beantwoorden.

Niet-uitvoerende bestuurders hebben geen recht op prestatiegebonden remuneratie zoals bonussen, aandelengerelateerde incentiveprogramma's op lange termijn, voordelen in natura of voordelen verbonden aan pensioenplannen, noch op enig ander type variabele remuneratie met uitzondering van de vergoeding voor de persoonlijk bijgewoonde vergaderingen van de Raad van Bestuur of van een Comité.

Uitgaven die bestuurders redelijkerwijs in het kader van de uitoefening van hun taken doen, worden terugbetaald op voorlegging van genoegzame rechtvaardigingsstukken. Bestuurders worden geacht het uitgavenbeleid voor leden van de Raad van Bestuur in acht te nemen bij het doen van uitgaven.

De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur wordt bij de aanvang van zijn opdracht bepaald, en wel voor de duur van die opdracht. Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité wordt de vergoeding bepaald door de Raad van Bestuur onder voorbehoud van goedkeuring door de Gewone Algemene Vergadering.

In zijn voorstel moet het Comité rekening houden met een duidelijke omschrijving van de taken van de Voorzitter, het professionele profiel dat werd aangetrokken, de tijd die voor de Groep daadwerkelijk ter beschikking moet worden gesteld, en een gepaste remuneratie die aan de gestelde verwachtingen beantwoordt en die regelmatig wordt getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties. De Voorzitter heeft geen recht op een bijkomende vergoeding voor het bijwonen of voorzitten van een vergadering van een Comité van de Raad van Bestuur, omdat dit in zijn totale remuneratiepakket begrepen is.

Uitvoerende managers

De belangrijkste elementen van het remuneratiebeleid van de Groep voor het Uitvoerend Management zijn het basissalaris, korte termijn, middellange termijn en lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. De Groep biedt competitieve totale remuneratiepakketten aan met het doel het beste kader- en managementtalent aan te trekken en te behouden in elk deel van de wereld waar de Groep aanwezig is. De remuneratie van de uitvoerende managers wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerde korf relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële referenties.

Een sterke focus op prestatie en realisaties op Groepsen individueel niveau wordt gereflecteerd in het korte termijn variabele vergoedingsprogramma, dat rechtstreeks gerelateerd is aan de jaarlijkse business doelstellingen.

De middellange en lange termijn variabele vergoedingsprogramma's van de Groep moeten managers en kaderleden belonen voor hun bijdrage tot de creatie van hogere aandeelhouderswaarde op termijn. Die programma's zijn typisch gerelateerd aan de prestatie van de vennootschap op langere termijn en met de toekomstige waardevermeerdering van de aandelen van de vennootschap.

Het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder bestaat uit een basissalaris, een korte termijn, een middellange termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Het remuneratiepakket moet competitief zijn en op maat van de verantwoordelijkheden van een Gedelegeerd Bestuurder die aan het hoofd staat van een wereldwijd actieve industriële groep met diverse business platforms.

Het Benoemings- en Remuneratiecomité beveelt ieder jaar een aantal doelstellingen aan die rechtstreeks van het business plan zijn afgeleid en die gebaseerd zijn op overige aan de Gedelegeerd Bestuurder toe te vertrouwen prioriteiten. Die doelstellingen bevatten zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen, en worden over een vooraf bepaalde periode gemeten (tot drie jaren ver). Die doelstellingen, alsmede de eindejaarsbeoordeling van de realisaties, worden door het Comité gedocumenteerd en aan de voltallige Raad van Bestuur voorgelegd. De eindbeoordeling leidt tot een waardering door de Raad van Bestuur, gebaseerd op gemeten resultaten, van alle prestatiegebonden elementen uit het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder.

Het remuneratiepakket van de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder bestaat uit een basissalaris, een korte termijn, een middellange termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Het remuneratiepakket moet competitief zijn en op maat van de rol en de verantwoordelijkheden van elk BGE lid, dat tot een team behoort dat leiding geeft aan een wereldwijd actieve industriële groep met diverse business platforms.

De Gedelegeerd Bestuurder evalueert de prestatie van ieder ander lid van het BGE, en legt zijn prestatiewaardering voor aan het Benoemings- en Remuneratiecomité. Die evaluatie gebeurt jaarlijks op basis van gedocumenteerde doelstellingen die rechtstreeks van het business plan zijn afgeleid en die rekening houden met de specifieke verantwoordelijkheden van elk lid van het BGE.

De realisaties die op basis van die doelstellingen gemeten worden bepalen alle prestatiegebonden elementen uit het remuneratiepakket van elk ander lid van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder. De objectieven bevatten zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen, en worden over een vooraf bepaalde periode gemeten (tot drie jaren ver).

Het concrete bedrag van de vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE wordt bepaald door de Raad van Bestuur op gemotiveerde aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité.

Bekaert evalueert regelmatig haar volledig remuneratiebeleid teneinde het af te stemmen op de economische context en op wettelijke vereisten. Het remuneratiebeleid omtrent de middellange- en lange termijn variabele vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het Uitvoerend Management wordt momenteel bekeken teneinde de afstemming op de belangen van de vennootschap en haar aandeelhouders te optimaliseren.

3. Remuneratie van de bestuurders met betrekking tot 2014

Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de bestuurders werden toegekend door de vennootschap of haar dochtervennootschappen met betrekking tot 2014 wordt in de tabel hierna op individuele basis vermeld.

De vergoeding van de Voorzitter voor de uitoefening van al zijn opdrachten in de vennootschap was een vast brutobedrag van € 250 000.

De vergoeding van elke bestuurder, behalve de Voorzitter, voor de uitoefening van zijn opdracht als lid van de Raad van Bestuur bestond uit een vast bedrag van € 42 000 en uit een variabel bedrag van € 4 200 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van de Raad van Bestuur.

De vergoeding van de Voorzitter van het Audit en Finance Comité, voor de uitoefening van haar opdracht als Voorzitter en als lid van het Comité, bestond uit een variabel bedrag van € 4 000 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van het Comité.

De vergoeding van elke bestuurder, behalve de Voorzitter en de Gedelegeerd Bestuurder, voor de uitoefening van zijn opdracht als lid van een Comité van de Raad van Bestuur bestond uit een variabel bedrag van € 3 000 voor elke persoonlijk bijgewoonde vergadering van het Comité.

in € Vaste Vergoeding Variabele aanwezigheids
vergoeding Raad van Bestuur
Variabele aanwezigheids
vergoeding Comités
Totaal
Voorzitter
Paul Buysse 208 350 208 350
Bert De Graeve 145 833 145 833
Bestuurders
Alan Begg 42 000 25 200 12 000 79 200
Leon Bekaert 42 000 25 200 9 000 76 200
Roger Dalle 42 000 25 200 0 67 200
Bert De Graeve 21 000 12 600 0 33 600
Charles de Liedekerke 42 000 25 200 9 000 76 200
François de Visscher 42 000 21 000 6 000 69 000
Anthony Galsworthy 21 000 12 600 3 000 36 600
Hubert Jacobs van Merlen 42 000 25 200 6 000 73 200
Maxime Jadot 42 000 25 200 6 000 73 200
Lady Barbara Judge CBE 42 000 25 200 29 000 96 200
Mei Ye 21 000 25 200 0 46 200
Matthew Taylor 21 000 12 600 0 33 600
Bernard van de Walle de Ghelcke 42 000 25 200 0 67 200
Baudouin Velge 42 000 25 200 15 000 82 200
Manfred Wennemer 42 000 25 200 6 000 73 200
Total vergoedingen Bestuurders 1 337 183

4. Remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2014 in zijn hoedanigheid van bestuurder

In zijn hoedanigheid van bestuurder heeft de Gedelegeerd Bestuurder recht op dezelfde remuneratie als de niet-uitvoerende bestuurders, behalve de vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van Comités van de Raad van Bestuur, waarvoor hij geen vergoeding ontvangt (cf. de bovenstaande tabel). De door de Gedelegeerd Bestuurder in zijn hoedanigheid van bestuurder ontvangen vergoeding is begrepen in zijn basissalaris dat in de volgende tabel is vermeld.

5. Prestatiegebonden remuneratie: criteria, periode en methode van prestatie-evaluatie

Het remuneratiepakket van de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE bevat drie prestatiegebonden elementen:

  • een korte termijn variabele vergoeding, met doelstellingen gerelateerd aan het jaarlijkse business plan. De doelstellingen worden in het begin van het jaar bepaald door het Benoemings- en Remuneratiecomité en goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Deze doelstellingen bestaan uit een gewogen gemiddelde van zowel Groeps- als individuele financiële en niet-financiële doelen die relevant zijn bij het evalueren van de jaarlijkse financiële prestatie van de Groep en de mate van realisatie van de overeengekomen strategische doelstellingen; ze worden jaarlijks beoordeeld door de Raad van Bestuur. Eén derde van de jaarlijkse korte termijn variabele vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder wordt gespreid over een periode van 24 maanden; er is geen uitstel voor de andere leden van het BGE.
  • een middellange termijn variabele vergoeding, met doelstellingen gerelateerd aan het business plan voor de volgende periode van drie jaar. Die doelstellingen meten zowel de absolute prestatie van Bekaert ten opzichte van het plan als haar relatieve prestatie ten opzichte van een korf met relevante andere bedrijven. De realisatie van die doelstellingen wordt door de Raad van Bestuur aan het eind van elke driejaarperiode beoordeeld aan de hand van vooraf bepaalde criteria.
  • een lange termijn variabele vergoeding, onder de vorm van het aanbod van een variabel aantal aandelenopties (zie punt 8 hierna).

Tegen pari niveau, bedraagt de waarde van de elementen van de variabele vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het BGE meer dan 25% van hun totale vergoeding. Meer dan een vierde van de totale betaling van deze variabele vergoeding wordt uitgesteld met minimum 24 maanden, terwijl een ander vierde van de totale betaling enkel definitief is toegekend na een periode van drie jaar.

6. Remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2014

In lijn met de in 2013 aangekondigde wijzigingen aan de top van de onderneming, was Bert De Graeve Gedelegeerd Bestuurder tot en met de Gewone Algemene Vergadering van 14 mei 2014 waarna hij Voorzitter werd van de Raad van Bestuur.

Zoals gepland, werd Matthew Taylor die inkomend Gedelegeerd Bestuurder was tijdens de eerste maanden van het jaar, Gedelegeerd Bestuurder op 14 mei 2014.

Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks door de vennootschap of haar dochtervennootschappen aan de Gedelegeerd Bestuurders werden toegekend voor hun opdracht als Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2014 wordt hierna vermeld.

Bert De Graeve Remuneratie(1) Opmerkingen
Basissalaris 337 415 Bevat Belgisch basissalaris en
alle Belgische en buitenlandse
bestuurdersvergoedingen (2)
Korte termijn
variabele vergoeding
125 000 Jaarlijkse variabele vergoeding,
gebaseerd op prestatie in 2014,
betaald in 2015
Middellange termijn
variabele vergoeding
0 Middellange termijn variabele
vergoeding, gebaseerd op
prestatie in 2012-2014
Lange termijn
variabele
remuneratie:
gewone toekenning
van aandelenopties
0 Aantal toegekende aandelenopties
Pensioen 228 986 Toegezegde bijdragenregeling
Andere remuneratie
elementen
45 631 Bevat bedrijfswagen en
verzekeringen

(1) Met betrekking tot 2014 (januari - mei), in €

(2) Het basissalaris is inclusief de vergoeding door de Gedelegeerd Bestuurder ontvangen in zijn hoedanigheid van bestuurder.

Matthew Taylor Remuneratie(1) Opmerkingen
Basissalaris 409 474 Bevat Belgisch
basissalaris en alle
Belgische en
buitenlandse
bestuurdersvergoedingen
(2)
Korte termijn variabele
vergoeding
330 208 Jaarlijkse variabele
vergoeding, gebaseerd
op prestatie in 2014,
betaald in 2015(3), met
inbegrip van een
instapvergoeding
Middellange termijn
variabele vergoeding
0 Middellange termijn
variabele vergoeding,
gebaseerd op prestatie in
2012-2014
Lange termijn variable
remuneration:
- gewone toekenning
van aandelenopties
80 000 Aantal toegekende
aandelenopties
Pensioen 80 208 Toegezegde
bijdragenregeling
Andere remuneratie
elementen
19 907 Bevat bedrijfswagen en
verzekeringen

(1) Met betrekking tot 2014 (juni - december), in €

(2) Het basissalaris is inclusief de vergoeding door de Gedelegeerd Bestuurder

ontvangen in zijn hoedanigheid van bestuurder.

(3) Met uitzondering van de uitgestelde jaarlijke variabale vergoeding gebaseerd op prestatie van 2014.

7. Remuneratie van de overige leden van het Bekaert Group Executive met betrekking tot 2014

Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de andere leden van het BGE dan de Gedelegeerd Bestuurder werden toegekend door de vennootschap of haar dochtervennootschappen met betrekking tot 2014 wordt hierna op globale basis vermeld. Deze tabel bevat de remuneratie en andere voordelen die aan de inkomend Gedelegeerd Bestuurder zijn verleend tot aan zijn benoeming tot Gedelegeerd Bestuurder op 14 mei 2014.

Remuneratie(1) Opmerkingen
Basissalaris 2 917 993 Bevat Belgisch basissalaris en
alle Belgische en buitenlandse
bestuurdersvergoedingen
Korte termijn
variabele vergoeding
738 790 Jaarlijkse variabele vergoeding,
gebaseerd op prestatie in 2014,
betaald in 2015
Middellange termijn
variabele vergoeding
0 Middellange termijn variabele
vergoeding, gebaseerd op
prestatie in 2012-2014
Pensioen 434 230 Toegezegde bijdragen- en
toegegezegde pensioenregeling
Andere remuneratie
elementen
158 549 Bevat bedrijfswagen en
verzekeringen

(1) Met betrekking tot 2014, in €

8. Aandelenopties voor het Uitvoerend Management toegekend in 2014

Het aantal aandelenopties dat in 2014 aan de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE werd toegekend, en het aantal aandelenopties dat in 2014 door hen werd uitgeoefend of is vervallen wordt op individuele basis in de onderstaande tabel vermeld.

De aan de Gedelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE toegekende aandelenopties zijn gebaseerd op het SOP2010-2014 plan dat in 2010 door de Raad van Bestuur werd voorgesteld en door een Bijzondere Algemene Vergadering werd goedgekeurd. Het plan biedt opties tot verwerving van bestaande aandelen van de vennootschap aan. Er vindt één gewoon aanbod van opties plaats in december in elk van de jaren 2010 tot en met 2014, en de opties worden toegekend op de 60ste dag volgend op de dag van het aanbod (d.i. in februari van het jaar daarop). Het totaal aantal aan te bieden opties wordt ieder jaar door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité bepaald. Het aantal aan elke individuele begunstigde aan te bieden opties is ten dele variabel, op basis van een beoordeling van de lange termijn bijdrage van de betrokken persoon tot het succes van de vennootschap. De opties worden gratis aan de begunstigden aangeboden. Elke aanvaarde optie verleent de houder het recht op verwerving van één bestaand aandeel van de vennootschap tegen betaling van de uitoefenprijs, die definitief wordt bepaald ten tijde van het aanbod en die gelijk is aan het laagste van: (i) de gemiddelde slotkoers van de aandelen van de vennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die de dag van het aanbod voorafgaan, of (ii) de laatste slotkoers die de dag van het aanbod voorafgaat.

De uitoefenprijs van de in december 2013 aangeboden en in februari 2014 toegekende aandelenopties bedraagt € 25,38.

Onder voorbehoud van de gesloten periodes en de sperperiodes voor de handel in aandelen en van het planreglement kunnen de opties uitgeoefend worden vanaf het begin van het vierde kalenderjaar na de datum van hun aanbod tot het einde van het tiende kalenderjaar na de datum van hun aanbod.

De aandelenopties die in 2014 uitoefenbaar waren, zijn gebaseerd op de plannen die het SOP2010-2014 plan voorafgingen. De bepalingen van die plannen zijn gelijkaardig aan die van het SOP2010-2014 plan, met dien verstande dat de aan werknemers toegekende opties de vorm hadden van warrants die de houders het recht verlenen tot verwerving van nieuw uit te geven aandelen van de vennootschap, terwijl zelfstandige begunstigden recht hebben op verwerving van bestaande aandelen zoals in het SOP2010-2014 plan.

Naam Aantal
toegekende
aandelenopties
in 2014
Aantal
uitgeoefende
aandelenopties
in 2014
Aantal
vervallen
aandelenopties
in 2014
Matthew Taylor 80 000 - -
Bruno Humblet 21 000 - -
Lieven
Larmuseau
7 500 - -
Dominique
Neerinck
12 000 - -
Geert Van Haver 9 000 - -
Piet Van Riet 3 200 - -
Curd
Vandekerckhove
14 000 - -
Frank Vromant 14 000 - -
Bart Wille 14 000 - -

Behalve de bovengenoemde aandelenopties worden geen aandelen noch rechten tot verwerving van aandelen aan de Gedelegeerd Bestuurder of aan enig ander lid van het BGE toegekend.

9. Vertrekvergoedingen voor het Uitvoerend Management

Het Belgisch recht en de normale praktijk vormen de basis voor de vertrekregelingen met de uitvoerende managers, behalve met de Gedelegeerd Bestuurder, de Chief Financial Officer en de Chief Human Resources Officer, van wie de ten tijde van hun benoeming overeengekomen contractuele regelingen een opzeggingstermijn van 12 maanden voorzien.

10. Vertrek van uitvoerende managers

Geen lid van het Uitvoerend Management heeft in 2014 de Groep verlaten.

11. Terugvorderingsrecht van de vennootschap

Er bestaan geen bepalingen die de vennootschap het recht verlenen een variabele remuneratie terug te vorderen die aan uitvoerende managers zou zijn toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.

Aandelen

Het Bekaert aandeel in 2014

Onze benadering

Bekaert wil haar aandeelhouders transparante financiële informatie verschaffen. We streven een continue communicatie na in open dialoog met onze aandeelhouders. Bekaert heeft er altijd voor gekozen snel te reageren op nieuwe internationale regelgeving. De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt conform de International Financial Reporting Standards (IFRS), die door de Europese Unie zijn goedgekeurd. Zowel particuliere als institutionele beleggers kunnen rekenen op ons voortdurend streven naar transparante verslaggeving, zowel op aandeelhoudersvergaderingen als tijdens bijeenkomsten met analisten.

Aandeelidentificatie

Het Bekaertaandeel noteert op NYSE Euronext Brussels als ISIN BE0974258874 (BEKB) en werd voor het eerst genoteerd in december 1972. De ICB-sectorcode is 2727 Diversified Industrials.

Het Bekaert aandeel in 2014

2014 begon met een korte periode van onzekerheid in de markt tot een duidelijke groeitrend inzette dankzij geruststellende verklaringen over interestvoeten van de Europese Centrale Bank.

De aankondiging van Bekaerts 2013 jaarresultaten, en van de overname van de Pirelli staalkoord vestigingen op 28 februari 2014 werden goed ontvangen door de markt. Het aandeel won 6.5% op de dag van de aankondiging en zette in de volgende maand de positieve trend voort. Midden mei keerde deze trend naar aanleiding van de aankondiging van Bekaerts eerste kwartaal trading update en de uitbetaling van het dividend. Van juni tot augustus volgde een periode van ups en downs veroorzaakt door enerzijds de politieke onzekerheid in Ukraïne en Schotland en geruststellende verklaringen van FED en ECB anderzijds. Het Bekaert aandeel bleef relatief sterk tijdens de zomermaanden.

Van september tot midden oktober verloor het Bekaert aandeel tot 20% door de Auto Index val. De markten waren bezorgd door een opeenvolging van negatief nieuws op verschillende economische fronts en op globaal niveau.

Op 14 november publiceerde Bekaert haar derde kwartaal trading update. De update werd goed ontvangen door de markten en het aandeel won ongeveer 10% in de drie dagen die volgden op de aankondiging, ondanks de voorzichtige vooruitblik van de onderneming voor het vierde kwartaal van 2014.

De meeste financiële markten daalden in December, gedreven door onzekerheden in verschillende domeinen. Ook het Bekaert aandeel zakte door bezorgdheden die het gevolg waren van een winstwaarschuwing door één van Bekaerts concurrenten voor staalkoord voor banden in China.

Koersverloop tegenover beursindices

Beursevolutie(*)

in € 2010 2011 2012 2013 2014
Koers op 31 December 85,900 24,785 21,875 25,720 26,345
Hoogste koers 86,960 87,980 33,500 31,110 30,195
Laagste koers 32,867 23,500 17,210 20,010 21,900
Gemiddelde koers 53,819 54,694 22,592 24,926 27,155
Dagelijks volume 195 856 284 289 218 850 126 923 82 813
Dagelijkse omzet (in miljoen €) 10,9 14,5 5,0 3,1 2,1
Jaarlijkse omzet (in miljoen €) 2 833 3 774 1 313 796 527
Omloopsnelheid (%, jaarlijks 85 122 93 54 35
Omloopsnelheid (%, aangepaste
free float)
130 188 144 83 54
Free float (%) 61,9 61,7 61,9 62,6 61,8

* Alle gegevens per aandeel van voor 2010 werden aangepast in functie van de aandelensplitsing

Verhandelde volumes

Het aantal dagelijks verhandelde aandelen was met 83 000 aandelen in 2014, ongeveer 35% lager in vergelijking met het vorige jaar. Het volume piekte op 28 februari, met 451 899 verhandelde aandelen.

Bekaert slotkoersen en volumes in 2014

Bekaert tegenover de Bel20®, de NEXT100 en de NEXT150

Bekaert bekleedt de 18de plaats in de BEL20, met een marktkapitalisatie van € 1,58 miljard, een free float marktkapitalisatie van € 1,03 miljard (61,80% en binnen een free float band van 65%), een band adjusted velocity van 54% en een gewicht van 1,08 %.

Bekaert tegenover Bel20® (2014)

Bekaert tegenover NEXT100 en NEXT150

De aandelenstructuur toont een vrij sterke internationalisering.

Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft Bekaert, in haar statuten, aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,5% toegevoegd. Een overzicht van de actuele kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer is te vinden in het hoofdstuk informatie met betrekking tot de moedervennootschap (deelnemingen in het kapitaal).

De hoofdaandeelhouders bezitten 38,2% van de aandelen, terwijl de geïdentificeerde institutionele aandeelhouders 30,36% van de aandelen bezitten. De individuele beleggers vertegenwoordigen 13,31% terwijl Private Banking goed is voor 6,63% en 4,39% van de aandelen ongeïdentificeerd is. Van het totale aantal Bekaert aandelen is 2,87% op naam.

Kapitaalstructuur

Per 31 december 2014 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap € 176 914 000, vertegenwoordigd door 60 111 405 aandelen zonder vermelding van waarde. De aandelen zijn op naam of gedematerialiseerd.

Toegestaan kapitaal

De Gewone Algemene Vergadering gehouden op 9 mei 2012 heeft de Raad van Bestuur gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap in één of meerdere malen te verhogen met een totaal maximum bedrag van € 176 000 000 (exclusief enige uitgiftepremie). Deze machtiging geldt voor een periode van vijf jaar na 5 juni 2012 en kan worden hernieuwd overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen. Krachtens deze machtiging kan de Raad van Bestuur onder andere een kapitaalverhoging doorvoeren in het kader van het toegestaan kapitaal door middel van de uitgifte van gewone aandelen, inschrijvingsrechten of converteerbare obligaties, en mag ze het voorkeurrecht van de aandeelhouders van de vennootschap beperken of opheffen. Bovendien werd de Raad van Bestuur gemachtigd om, binnen een periode van drie jaar na 26 juni 2014, gebruik te maken van het toegestaan kapitaal na ontvangst door de vennootschap van een mededeling door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) van een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap.

Converteerbare obligaties

De Raad van Bestuur heeft gebruik gemaakt van haar bevoegdheden in het kader van het toegestaan kapitaal toen hij op 21 mei 2014 besloot om niet-gesubordineerde niet-gewaarborgde converteerbare obligaties uit te geven met vervaldag op 18 juni 2018 voor een totaal bedrag van ongeveer € 300 000 000. Deze converteerbare obligaties brengen een interest van 0,75% per jaar op en de conversieprijs bedraagt € 37,06 per aandeel.

In verband met de uitgifte van de converteerbare obligaties, besloot de Raad van Bestuur om het voorkeurrecht van de bestaande aandeelhouders bepaald in de artikelen 596 en volgende van het Wetboek van vennootschappen op te heffen. De voorwaarden van de converteerbare obligaties laten de vennootschap toe om, bij conversie van de obligaties, nieuwe of bestaande aandelen te leveren of een bedrag in cash te betalen.

Teneinde de verwatering voor bestaande

aandeelhouders bij conversie van de converteerbare obligaties te verzachten, heeft de Raad van Bestuur het voornemen om waar mogelijk het bedrag in hoofdsom van de converteerbare obligaties in cash terug te betalen en, indien de dan geldende aandeelprijs boven de conversieprijs ligt, het verschil in bestaande aandelen van de vennootschap te betalen.

De Raad van Bestuur is een programma van aandeleninkoop gestart teneinde aandelen te kopen, in een aantal dat al dan niet gelijk kan zijn aan het maximum aantal van bestaande aandelen die vereist zouden zijn teneinde het verschil tussen de conversieprijs en de dan geldende aandeelprijs bij conversie van de obligaties te betalen. De conversie van de converteerbare obligaties zou dan geen verwateringseffect voor de bestaande aandeelhouders hebben.

Bovendien laten de voorwaarden van de converteerbare obligaties de vennootschap toe de obligaties in bepaalde omstandigheden terug te betalen tegen hun bedrag in hoofdsom samen met de opgelopen rente, bijvoorbeeld als de aandelen van de vennootschap worden verhandeld tegen een hogere prijs dan 130% van de conversieprijs gedurende een bepaalde periode na 9 juli 2016.

Aandelenoptieplannen

Het totale aantal uitstaande, in Bekaert aandelen converteerbare warrants onder de SOP1 en SOP2005-2009 aandelenoptieplannen bedraagt 490 106.

In de loop van 2014 werden in totaal 47 534 warrants uitgeoefend onder de SOP1 en SOP2005-2009 aandelenoptieplannen voor werknemers. Dit resulteerde in de uitgifte van 47 534 nieuwe aandelen van de vennootschap, een verhoging van het maatschappelijk kapitaal met € 141 000 en een verhoging van de uitgiftepremie met € 637 914,29.

Benevens de 1 652 677 aandelen in portefeuille op 31 december 2013 heeft Bekaert 2 622 333 eigen aandelen ingekocht in 2014. Geen van die aandelen werd in 2014 geleverd in het kader van aandelenoptieplannen of vernietigd. Bijgevolg hield de vennootschap 4 275 010 aandelen in portefeuille op 31 december 2014.

De vierde gewone toekenning van opties in het kader van het SOP2010-2014 plan vond plaats op 17 februari 2014: er werden 373 450 opties toegekend. Elke optie zal kunnen worden omgezet in één bestaand aandeel van de vennootschap tegen een uitoefenprijs van € 25,38.

Op 18 december 2014 vond een vijfde en laatste gewoon aanbod van 364 700 opties plaats onder het SOP2010-2014 plan, waarvan er 349 810 werden aanvaard en op 16 februari 2015 toegekend. Elke optie van de vijfde gewone serie zal in één bestaand aandeel van de vennootschap omgezet kunnen worden tegen een uitoefenprijs van € 26,055.

Het SOP2010-2014 plan en zijn voorgangers zijn conform de relevante bepalingen van de wet van 26 maart 1999 en de artikelen 520ter en 525, laatste lid, van het Wetboek van vennootschappen.

Bekaerts dividendbeleid

Het is het beleid van de Raad van Bestuur om de Gewone Algemene Vergadering een winstverdeling voor te stellen die, in zoverre de winst het toelaat, enerzijds een stabiel of toenemend dividend oplevert en anderzijds een adequate cashflow verzekert voor investeringen en zelffinanciering ter ondersteuning van de groei. In de praktijk betekent dit dat de vennootschap streeft naar een pay-out ratio van circa 40% van het aan de Groep toerekenbare perioderesultaat over de lange termijn.

Per aandeel*

in € 2010 2011 2012 2013 2014**
Tussentijds/interim dividend 0,667 0,67
Dividend zonder tussentijds
interimdividend
1,000 0,500 0,850 0,850 0,850
Totaal brutodividend 1,667 1,170 0,850 0,850 0,850
Netto dividend*** 1,250 0,878 0,638 0,638 0,638
Coupon number 12-13 14-15 16 17 18

* Alle gegevens per aandeel van voor 2010 werden aangepast in functie van de

aandelensplitsing

** Dividend onderhevig aan goedkeuring door de algemene vergadering van aandeelhouders 2015.

*** Onderhevig aan de taks-wetgeving van toepassing

De Raad van Bestuur zal de op 13 mei 2015 te houden Gewone Algemene Vergadering voorstellen een brutodividend van € 0,85 per aandeel uit te keren.

Algemene Vergadering van aandeelhouders

De Gewone Algemene Vergadering vond op 14 mei 2014 plaats. Een Buitengewone Algemene Vergadering werd gehouden op dezelfde dag. De besluiten van de vergaderingen zijn op www.bekaert.com terug te vinden. Meer gedetailleerde informatie vindt u in de Bekaert

Shareholders Guide 2014 en op www.bekaert.com.

Relevante elementen bij een openbaar overnamebod

Beperkingen van de overdracht van effecten

De statuten bevatten geen beperkingen inzake de overdraagbaarheid van de aandelen, behoudens ingeval van controlewijziging, voor dewelke conform artikel 11 van de statuten de voorafgaande goedkeuring van de Raad van Bestuur moet worden aangevraagd.

Voor het overige zijn de aandelen vrij overdraagbaar. De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige wettelijke beperking op de overdracht van aandelen in hoofde van enige aandeelhouder.

Beperkingen van de uitoefening van het stemrecht

Elk aandeel geeft recht op één stem. De statuten bevatten geen beperkingen van het stemrecht en iedere aandeelhouder kan zijn stemrecht uitoefenen op voorwaarde dat hij geldig werd toegelaten tot de Algemene Vergadering en dat zijn rechten niet werden geschorst. De regels inzake de toelating tot de Algemene Vergadering zijn opgenomen in het Wetboek van vennootschappen en in artikelen 31 en 32 van de statuten. Krachtens artikel 10 kan de vennootschap de uitoefening schorsen van rechten verbonden aan effecten die toebehoren aan verscheidene eigenaars.

Niemand kan op de Algemene Vergadering aan een stemming deelnemen voor stemrechten die verbonden zijn aan effecten waarvan hij niet krachtens de wet tijdig kennis heeft gegeven. De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige andere wettelijke beperking inzake de uitoefening van het stemrecht.

Aandeelhoudersovereenkomsten

De Raad van Bestuur zijn geen

aandeelhoudersovereenkomsten bekend welke aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdracht van effecten of van de uitoefening van het stemrecht, met uitzondering van de overeenkomsten vermeld in de kennisgevingen die opgenomen zijn in het hoofdstuk Informatie met betrekking tot de moedervennootschap (deelnemingen in het kapitaal).

Benoeming en vervanging van bestuurders

De statuten (artikelen 15 en volgende) en het Bekaert Charter bevatten specifieke regels inzake de (her)benoeming, vorming en evaluatie van bestuurders.

De bestuurders worden voor een maximale duur van vier jaar door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd, die hen ook te allen tijde kan ontslaan. Een besluit tot benoeming of ontslag behoeft de gewone meerderheid van de stemmen.

De kandidaten voor de opdracht van bestuurder, die deze opdracht nog niet vervuld hebben in de vennootschap, moeten ten laatste twee maanden vóór de Gewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur op de hoogte brengen van hun kandidatuur.

Enkel wanneer een plaats van bestuurder vroegtijdig openvalt, kunnen de overblijvende bestuurders zelf een nieuwe bestuurder benoemen (coöpteren). In dat geval zal de eerstvolgende Algemene Vergadering de definitieve benoeming doen.

Het benoemingsproces van bestuurders wordt geleid door de Voorzitter van de Raad van Bestuur. Het Benoemings- en Remuneratiecomité doet een gemotiveerde aanbeveling aan de voltallige Raad, die op basis daarvan beslist welke kandidaten worden voorgedragen aan de Algemene Vergadering. Bestuurders zijn in de regel herbenoembaar voor een onbeperkt aantal termijnen, met dien verstande dat bestuurders ten tijde van hun initiële benoeming niet jonger mogen zijn dan 35 jaar en niet ouder dan 66 jaar, en dat een bestuurder ontslag moet nemen in het jaar waarin hij de leeftijd van 69 jaar bereikt.

Wijziging van de statuten

De statuten kunnen door de Buitengewone Algemene Vergadering worden gewijzigd conform de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen. Elke statutenwijziging behoeft een bijzondere meerderheid van stemmen.

Bevoegdheid van de Raad van Bestuur tot uitgifte of inkoop van aandelen

De Raad van Bestuur is op grond van artikel 44 van de statuten gemachtigd om het maatschappelijk kapitaal in één of meerdere malen te verhogen met een maximum bedrag van € 176 000 000. De duur van deze machtiging bedraagt vijf jaar vanaf 5 juni 2012, doch is door de Algemene Vergadering hernieuwbaar. In het kader van deze machtiging kan de Raad van Bestuur ook gedurende een periode van drie jaar vanaf 26 juni 2014, in geval van ontvangst door de vennootschap van een mededeling door de FSMA van een openbaar overnamebod, het maatschappelijk kapitaal verhogen voor zover:

  • de daarbij uit te geven aandelen vanaf hun uitgifte volledig zijn volgestort;
  • de uitgifteprijs van deze aandelen niet minder bedraagt dan de prijs van het bod; en
  • het aantal uit te geven aandelen niet meer bedraagt dan 10% van de vóór de kapitaalverhoging uitgegeven aandelen die het kapitaal vertegenwoordigen.

Ook deze machtiging is hernieuwbaar door de Algemene Vergadering.

Verder is de Raad van Bestuur krachtens artikel 12 van de statuten gemachtigd om maximum het aantal aandelen te verkrijgen waarvan de gezamenlijke fractiewaarde niet hoger is dan 20% van het geplaatste kapitaal, gedurende een periode van vijf jaar vanaf 5 juni 2012 (die door de Algemene Vergadering kan worden hernieuwd), tegen een prijs die ligt tussen één euro als minimumwaarde en 30% boven het rekenkundig gemiddelde van de slotkoers van het Bekaert-aandeel gedurende de laatste 30 beursdagen vóór het besluit van de Raad van Bestuur tot verkrijging als maximumwaarde.

De Raad van Bestuur is gemachtigd om alle of een gedeelte van de ingekochte aandelen gedurende die periode van vijf jaar te vernietigen. De Raad van Bestuur is tevens gemachtigd om eigen aandelen te verkrijgen wanneer dit noodzakelijk is ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de vennootschap, zoals een openbaar overnamebod. Deze machtiging is toegekend voor een periode van drie jaar vanaf 5 juni 2012, doch kan door de Algemene Vergadering verlengd worden.

Artikelen 12bis en 12ter van de statuten bevatten regels voor de vervreemding van ingekochte aandelen en voor de verwerving en vervreemding van aandelen door dochtervennootschappen. De bevoegdheden van de Raad van Bestuur zijn in detail beschreven in de toepasselijke wettelijke bepalingen terzake, de statuten en het Bekaert Charter.

Wijziging van controle

De vennootschap is partij bij een aantal belangrijke overeenkomsten die in werking treden, wijzigingen ondergaan of aflopen in geval van een wijziging van controle over de vennootschap, al dan niet na een openbaar overnamebod. In de mate waarin op grond van deze overeenkomsten aan derden rechten worden toegekend die een invloed hebben op het vermogen van de vennootschap, dan wel een schuld of een verplichting te haren laste doen ontstaan, werden deze rechten, conform artikel 556 van het Wetboek van vennootschappen, goedgekeurd door de Bijzondere Algemene Vergaderingen van 13 april 2006, 16 april 2008, 15 april 2009, 14 april 2010 en 7 april 2011 en door de Gewone Algemene Vergaderingen van 9 mei 2012, 8 mei 2013 en 14 mei 2014; de notulen van die vergaderingen werden op 14 april 2006, 18 april 2008, 17 april 2009, 16 april 2010, 15 april 2011, 30 mei 2012, 23 mei 2013 en 20 juni 2014 ter griffie van de Rechtbank van Koophandel te Kortrijk neergelegd en zijn beschikbaar op www.bekaert.com.

Het betreft in hoofdzaak joint venture overeenkomsten (die de relaties tussen partijen in het kader van een gemeenschappelijke dochtervennootschap omschrijven), overeenkomsten waarbij door financiële instellingen of particuliere investeerders geldmiddelen ter beschikking van de vennootschap of van een van haar dochtervennootschappen worden gesteld, en overeenkomsten tot levering van goederen of diensten door of aan de vennootschap. Elk van deze overeenkomsten bevat clausules die, ingeval van wijziging van de controle van de vennootschap, de wederpartij in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden het recht verlenen om de overeenkomst vervroegd te beëindigen, en in het geval van een financiële overeenkomst tevens de vervroegde terugbetaling van de ter beschikking gestelde geldmiddelen te eisen. In het geval van joint venture overeenkomsten wordt voorzien dat, ingeval van controlewijziging van de vennootschap, de wederpartij de participatie van de vennootschap in de joint venture kan verwerven (met uitzondering van de Chinese vennootschappen, waarbij partijen in overleg dienen te bepalen of een partij de joint venture alleen voortzet, waarna deze de participatie van de andere partij dient te kopen), waarbij de waarde tegen dewelke de participatie alsdan is over te dragen wordt bepaald in functie van contractuele formules die beogen een overdracht tegen een arm's length prijs te verzekeren.

Overige elementen

De vennootschap heeft geen effecten uitgegeven waaraan bijzondere zeggenschapsrechten verbonden zijn.

De zeggenschapsrechten verbonden aan de door de werknemers ingevolge de aandelenoptieplannen te verwerven aandelen worden rechtstreeks door de betrokken werknemers uitgeoefend.

Tussen de vennootschap en haar bestuurders of werknemers werden geen overeenkomsten gesloten die in vergoedingen voorzien wanneer, naar aanleiding van een openbaar overnamebod, de bestuurders ontslag nemen of zonder geldige reden moeten afvloeien of de tewerkstelling van de werknemers beëindigd wordt.

Controle en ERM

Interne controle- en risicobeheerssystemen in verband met de voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening

De volgende beschrijving van Bekaerts interne controleen risicobeheerssystemen is gebaseerd op de 'Internal Control Integrated Framework' (1992) en de 'Enterprise Risk Management Framework' (2004), gepubliceerd door het 'Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission' ('COSO'').

Controle omgeving

De organisatie van de diensten boekhouding en controle bestaat uit drie niveaus: (i) het boekhoudkundige team in de verschillende juridische entiteiten of gezamenlijke dienstencentra, verantwoordelijk voor de voorbereiding en de rapportering van de financiële informatie, (ii) de controllers op de verschillende niveaus in de organisatie (zoals fabriek en regio), verantwoordelijk voor o.a. het nazicht van de financiële informatie in hun verantwoordelijkheidsdomein, en (iii) de dienst Groepscontrole, verantwoordelijk voor het finale nazicht van de financiële informatie van de verschillende juridische entiteiten en voor de voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening.

Naast bovengemelde gestructureerde controles, voert het interne audit departement een risico-gebaseerd programma uit om de doeltreffendheid van de interne controle in de verschillende processen op het niveau van de juridische entiteiten te valideren en een betrouwbare financiële rapportering te verzekeren.

De geconsolideerde jaarrekening van Bekaert is opgemaakt in overeenstemming met de 'International Financial Reporting Standards' (IFRS), onderschreven door de Europese Unie. Die jaarrekening is eveneens conform de IFRS uitgegeven door de 'International Accounting Standards Board'.

Alle IFRS-boekhoudnormen, richtlijnen en interpretaties, toe te passen door alle jurdische entiteiten, zijn gegroepeerd in het IFRS handboek, die beschikbaar is op het Bekaert intranet voor alle werknemers die betrokken zijn bij de financiële rapportering. Dit handboek wordt regelmatig aangepast door Groepscontrole ingeval van relevante wijzigingen in IFRS, of interpretaties ervan, en de gebruikers worden van elke dergelijke wijziging op de hoogte gebracht. IFRS-opleidingen vinden plaats in de verschillende regio's wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.

De overgrote meerderheid van de vennootschappen van de Groep gebruikt Bekaerts globale 'enterprise resource planning' ('ERP') systeem, en de boekhoudkundige transacties worden ingeboekt in een uniform rekeningenstelsel, waarbij boekhoudkundige handboeken de standaard manier van boeking voor de meest relevante transacties beschrijven. Deze boekhoudkundige handboeken worden aan de gebruikers toegelicht tijdens opleidingssessies en zijn beschikbaar op het Bekaert intranet.

Alle vennootschappen van de Groep gebruiken dezelfde software om de financiële gegevens te rapporteren voor consolidatie en externe rapporteringsdoeleinden. Een rapporteringshandboek is beschikbaar op het Bekaert intranet en opleidingen vinden plaats wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.

Risicobeheer

Er worden geschikte maatregelen genomen om een tijdige en kwalitatieve rapportering te garanderen en om de potentiële risico's die gerelateerd zijn aan het financiële rapporteringsproces te beperken, met inbegrip van: (i) goede coördinatie tussen de diensten Groepscommunicatie en Groepscontrole, (ii) zorgvuldige planning van alle activiteiten, met inbegrip van verantwoordelijken en timings, (iii) richtlijnen verdeeld door Groepscontrole naar de verantwoordelijken vóór de kwartaalrapportering, met inbegrip van relevante aandachtspunten, en (iv) opvolging en terugkoppeling van de stiptheid, kwaliteit en aandachtspunten om te streven naar continue verbetering.

Een kwartaalevaluatie vindt plaats over de financiële resultaten, bevindingen door het interne audit departement, en andere belangrijke controlegebeurtenissen, en de resultaten worden besproken met de commissaris.

Materiële wijzigingen in de IFRS-boekhoudnormen worden gecoördineerd door Groepscontrole, nagezien door de commissaris, gerapporteerd aan het Audit en Finance Comité, en geacteerd door de Raad van Bestuur van de vennootschap.

Materiële wijzigingen in de statutaire boekhoudnormen van een vennootschap worden goedgekeurd door diens Raad van Bestuur.

Controleactiviteiten

De correcte toepassing door de juridische entiteiten van de boekhoudnormen beschreven in het IFRS handboek, alsmede de juistheid, de consistentie en de volledigheid van de gerapporteerde informatie, worden op een permanente basis nagezien door de controleorganisatie (zoals boven beschreven). Bovendien worden alle relevante entiteiten op periodieke basis gecontroleerd door het interne audit departement. Voor de meest belangrijke onderliggende processen (verkoop, aankoop; investeringen, thesaurie, enz.) bestaan er richtlijnen en procedures die onderhevig zijn aan (i) een evaluatie door de respectieve managementteams middels een zelfbeoordelingstool, en (ii) controle door het interne audit departement op een roterende basis.

In het ERP-systeem wordt nauw toezicht gehouden op mogelijke conflicten met betrekking tot scheiding van verantwoordelijkheden.

Informatie en communicatie

Bekaert heeft in de meeste groepsvennootschappen een globaal ERP-systeemplatform ingevoerd om de efficiënte verwerking van transacties te ondersteunen en het management te voorzien van transparante en betrouwbare informatie om de operationele activiteiten te beheren, te controleren en te sturen.

De verstrekking van diensten van informatietechnologie om deze systemen te laten lopen, te onderhouden en te ontwikkelen, wordt in grote mate uitbesteed aan professionele toeleveranciers van IT-diensten die gestuurd en gecontroleerd worden door geëigende IT-controlestructuren en waarvan de kwaliteit bewaakt wordt door uitgebreide dienstverleningscontracten.

Samen met haar IT-toeleveranciers heeft Bekaert adequate managementprocessen geïmplementeerd om te verzekeren dat geschikte maatregelen op dagelijkse basis getroffen worden om de prestaties, de beschikbaarheid en de integriteit van haar IT-systemen te behouden. Op regelmatige ogenblikken wordt de geschiktheid van deze procedures nagetrokken en geauditeerd en waar nodig verder geoptimaliseerd.

Een gepaste toewijzing van verantwoordelijkheden, en coördinatie tussen de betrokken afdelingen, verzekeren een efficiënt en stipt communicatieproces van periodieke financiële informatie naar de markt. Voor het eerste en het derde kwartaal wordt een trading update gepubliceerd, terwijl alle relevante financiële informatie op halfjaarlijkse en op jaarlijkse basis wordt bekendgemaakt. Vóór de externe rapportering wordt de verkoops- en financiële informatie onderworpen aan (i) de gepaste controles door de bovengenoemde controleorganisatie, (ii) nazicht door het Audit en Finance Comité, en (iii) goedkeuring door de Raad van Bestuur van de vennootschap.

Sturing

Elke beduidende wijziging in de door Bekaert toegepaste IFRS-boekhoudnormen wordt onderworpen aan nazicht door het Audit en Finance Comité en door de Raad van Bestuur van de vennootschap, met inbegrip van het eerste gebruik van IFRS in 2000.

De leden van de Raad van Bestuur worden op periodieke basis op de hoogte gehouden van de evolutie en belangrijke wijzigingen in de onderliggende IFRS-standaarden.

Relevante bevindingen van het interne audit departement en/of de commissaris in verband met de toepassing van de boekhoudnormen, de geschiktheid van de richtlijnen en procedures, en de scheiding van verantwoordelijkheden, worden gerapporteerd aan het Audit en Finance Comité.

Alle relevante financiële informatie wordt toegelicht aan het Audit en Finance Comité en de Raad van Bestuur om hen in staat te stellen de jaarrekening te analyseren. Alle gerelateerde persberichten worden goedgekeurd vóór hun verspreiding naar de markt.

Er wordt ook een periodieke thesaurie-update voorgelegd aan het Audit en Finance Comité.

Er bestaat een procedure om het relevante bestuursorgaan van de vennootschap op korte termijn bijeen te roepen wanneer de omstandigheden dit dicteren.

Algemene interne controle en ERM

De Raad van Bestuur en het BGE hebben de Bekaert Gedragscode goedgekeurd, die voor het eerst uitgegeven werd op 1 december 2004 en aangepast werd op 1 maart 2009. De Gedragscode bepaalt de Bekaert missie en waarden, evenals de basisprincipes van het zakendoen door Bekaert. Naleving van de Gedragscode is verplicht voor alle groepsvennootschappen. De Gedragscode maakt als Appendix 3 deel uit van het Bekaert Charter en is beschikbaar op www.bekaert.com. Meer gedetailleerde procedures en richtlijnen worden opgemaakt indien nodig om de consistente toepassing van de Gedragscode doorheen de Groep te verzekeren.

Bekaerts interne controlemodel bestaat uit een aantal groepsprocedures voor de belangrijkste bedrijfsprocessen die wereldwijd toegepast worden. Bekaert heeft diverse middelen ter beschikking om de effectiviteit en de efficiëntie van het ontwerp en de werking van het interne controlemodel constant te bewaken.

Voor alle nieuwe medewerkers wordt een verplichte opleiding over interne controle georganiseerd, en er is een zelfbeoordelingstool in gebruik aan de hand waarvan de managementteams zichzelf kunnen evalueren omtrent de stand van zaken van de interne controle. Het interne audit departement bewaakt de interne controle situatie op basis van het globale model en rapporteert op elke vergadering van het Audit en Finance Comité.

Het BGE evalueert regelmatig de exposure van de Groep aan risico's, de potentiële financiële impact daarvan, en de acties die vereist zijn om de exposure op te volgen en te beheersen.

Op verzoek van de Raad van Bestuur en het Audit en Finance Comité heeft het management een globaal "enterprise risk management" ('ERM') kader ontwikkeld om de Groep op een expliciete manier bij te staan bij het beheersen van onzekerheid in Bekaerts waardecreatieproces. Het kader bestaat uit de identificatie, de evaluatie en de prioritizering van de voornaamste risico's waarmee Bekaert wordt geconfronteerd, en uit de permanente rapportering en opvolging van die voornaamste risico's (met inbegrip van de ontwikkeling en de implementatie van risicobeheersingsplannen).

De risico's worden in vijf categorieën geïdentificeerd: strategische, operationele, juridische, financiële en landenrisico's. De geïdentificeerde risico's worden op twee assen ondergebracht: waarschijnlijkheid, en impact of gevolgen. De evolutie van de risicogevoeligheid (afname, toename, stabiel) wordt eveneens gemeten teneinde de doeltreffendheid van de ondernomen acties en de potentiële wijzigingen in de risicocontext in aanmerking te nemen.

Bekaerts ERM verslag over 2014 bevat o.a. de volgende potentiële risico's:

  • de algemene druk op de winstgevendheid (bv. algemene overcapaciteit in een zwak economisch klimaat);
  • politieke, economische of sociale instabiliteit in opkomende landen (bv. Venezuela, Rusland);
  • een globaliserende concurrentie;
  • de concentratie van activa en winst (bv. in één stad);
  • het intellectuele eigendomsrisico (een algemeen en permanent risico);
  • het risico van niet-naleving van lokale rechtsregels en van de Bekaert normen;
  • de volatiliteit van de walsdraadprijs en de afhankelijkheid van leveranciers;
  • de evolutie van de milieureglementering;
  • de kredietwaardigheid van klanten, en;
  • het risico van ontregeling van het banksysteem in specifieke landen.

Verwijzingen

Het overzicht van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen is opgenomen in het Financieel Overzicht van het Jaarverslag 2014, vanaf pagina 4. 1.

Een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden is opgenomen in de Corporate Governance Verklaring, pagina 52 in het eerste deel van het Jaarverslag 2014. Bovendien wordt verwezen naar Toelichtingen 3 (pagina's 21-23) en 7.3 (pagina's 79-93) bij de geconsolideerde jaarrekening, in het Financieel Overzicht in het Jaarverslag 2014.

  • De belangrijkste gebeurtenissen die na het einde van boekjaar hebben plaatsgevonden worden beschreven in Toelichting 7.6 bij de geconsolideerde jaarrekening, op pagina 96 van het Financieel Overzicht in het Jaarverslag 2014. 2.
  • De werkzaamheden op het gebied van onderzoek en ontwikkeling worden beschreven in het Hoofdstuk Technologie en Innovatie, pagina 20 van het eerste deel van het Jaarverslag 2014. Bovendien wordt verwezen naar Toelichtingen 5.1 en 5.2 bij de geconsolideerde jaarrekening, pagina's 30 en 32 van het Financieel Overzicht in het Jaarverslag 2014. 3.
  • De informatie betreffende het gebruik van financiële instrumenten is opgenomen in Toelichting 7.3 bij de geconsolideerde jaarrekening, pagina's 79-93 van het Financieel Overzicht in het Jaarverslag 2014. 4.

Bekaert: Financieel overzicht

Geconsolideerde jaarrekening 4
Geconsolideerde winst-en-verliesrekening 4
Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat 5
Geconsolideerde balans 6
Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen 7
Geconsolideerd kasstroomoverzicht 8
Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening 9
1. Algemene informatie 9
2. Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor financiële verslaggeving 9
2.1. Conformiteitsverslag 9
-
Nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties 9
2.2. Algemene principes 11
- Voorstellingsbasis 11
- Consolidatieprincipes 11
- Valutaomrekening 12
2.3. Balanselementen 12
- Immateriële activa 12
- Goodwill en bedrijfscombinaties 13
- Materiële vaste activa 14
- Lease-overeenkomsten 14
- Investeringssubsidies 14
- Financiële activa 15
- Voorraden 16
- Kapitaal 16
-
Minderheidsbelangen 16
- Voorzieningen 16
- Voorzieningen voor personeelsbeloningen 16
- Rentedragende schulden 17
- Handelsschulden en overige verplichtingen op ten hoogste een jaar 18
- Winstbelastingen 18
- Derivaten, afdekking en afdekkingsreserve 18
- Bijzondere waardevermindering van activa 19
2.4. Elementen van de winst-en-verliesrekening 19
- Opname van opbrengsten 19
- Eenmalige opbrengsten en kosten 19
2.5. Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen 20
2.6. Diverse 20
- Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten 20
- Voorwaardelijke activa en verplichtingen 20
- Gebeurtenissen na balansdatum 20
3. Cruciale beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden 21
3.1. Cruciale beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving 21
3.2. Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden 22
4. Segmentrapportering 25
5.
5.1.
Elementen van de winst-en-verliesrekening en het volledig perioderesultaat 30
Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie 30
5.2. Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten 32
5.4. Overige financiële opbrengsten en lasten 33
5.5. Winstbelastingen 34
5.6. Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen 35
5.7. Winst per aandeel 35
6. Balanselementen 37
6.1. Immateriële activa 37
6.2. Goodwill 38
6.3. Materiële vaste activa 41
6.4. Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen 43
6.5. Overige vaste activa 45
6.6. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen 46
6.7. Operationeel werkkapitaal 49
6.8. Overige vorderingen 50
6.9. Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen 50
6.10. Overige vlottende activa 51
6.11. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa 51
6.12. Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties 52
6.13. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves 56
6.14. Minderheidsbelangen 58
6.15. Voorzieningen voor personeelsbeloningen 61
6.16. Overige voorzieningen 68
6.17. Rentedragende schulden 69
6.18. Overige verplichtingen op meer dan een jaar 70
6.19. Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar 70
7. Diverse elementen 71
7.1. Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht 71
7.2. Effect van bedrijfscombinaties 74
7.3. Beheer van financiële risico's en derivaten 79
7.4. Voorwaardelijke activa en verplichtingen en toezeggingen 94
7.5. Verbonden partijen 95
7.6. Gebeurtenissen na balansdatum 96
7.7. Opdrachten uitgevoerd door de Commissaris en aanverwante personen 96
7.8. Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen 97
Informatie met betrekking tot de moedervennootschap 101
Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA 101
Voorstel van resultaatsverwerking NV Bekaert SA 2014 103
Statutaire benoemingen 104
Verslag van de commissaris 105
--------------------------------- -- -- -- --

Geconsolideerde jaarrekening

Geconsolideerde winst-en-verliesrekening

Toe
in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december lichting 2013 2014
Omzet 5.1. 3 185 628 3 215 714
Kostprijs van verkopen 5.1. -2 703 316 -2 729 995
Marge op omzet 5.1. 482 312 485 719
Commerciële kosten 5.1. -128 207 -138 126
Administratieve kosten 5.1. -124 924 -126 894
Kosten voor onderzoek en ontwikkeling 5.1. -62 429 -59 261
Andere bedrijfsopbrengsten 5.1. 12 502 21 978
Andere bedrijfskosten 5.1. -13 337 -19 009
Bedrijfsresultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) 5.1. 165 917 164 407
Eenmalige opbrengsten en kosten 5.1. -28 647 6 847
Bedrijfsresultaat (EBIT) 5.1. / 5.2. 137 270 171 254
Renteopbrengsten 5.3. 6 449 5 291
Rentelasten 5.3. -70 154 -68 215
Overige financiële opbrengsten en lasten 5.4. -19 822 -3 730
Resultaat vóór belastingen 53 743 104 600
Winstbelastingen 5.5. -47 916 -42 376
Resultaat na belastingen (geconsolideerde ondernemingen) 5 827 62 224
Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde
ondernemingen 5.6. 30 244 25 330
PERIODERESULTAAT 36 071 87 554
Toerekenbaar aan
de Groep 24 574 87 176
minderheidsbelangen van derden 6.14. 11 497 378
5.7. 2013 2014
0,420 1,513
0,419 1,333

Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat

Toe
in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december lichting 2013 2014
Perioderesultaat 36 071 87 554
Andere elementen van het resultaat 6.13.
Andere elementen van het resultaat die later geherklasseerd kunnen
worden naar de winst-en-verliesrekening
Omrekeningsverschillen
Omrekeningsverschillen van de periode -85 642 91 826
Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge afstotingen
of gefaseerde overnames van entiteiten -463 1 042
Inflatie-aanpassingen 758 1 574
Kasstroomafdekkingen
Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten 3 889 -7 896
Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge
resultaatseffecten op afgedekte posities -3 035 8 651
Financiële activa beschikbaar voor verkoop
Wijzigingen in reële waarde van financiële activa beschikbaar voor
verkoop 783 1 248
Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge bijzondere
waardeverminderingen of afstotingen -10 157
Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het
resultaat die later geherklasseerd kunnen worden naar de winst-en
verliesrekening 6.6. -2 201 1 066
Andere elementen van het resultaat die later geherklasseerd kunnen
worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen -85 921 97 668
Andere elementen van het resultaat die later niet geherklasseerd kunnen
worden naar de winst-en-verliesrekening
Herwaarderingen van de nettoverplichting m.b.t.
toegezegdpensioenregelingen 21 734 -28 418
Aandeel in niet-herklasseerbare andere elementen van het resultaat van
joint ventures en geassocieerde ondernemingen
- -219
Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het
resultaat die later niet geherklasseerd kunnen worden naar de winst-en
verliesrekening 6.6. 826 1 021
Andere elementen van het resultaat die later niet geherklasseerd
kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen 22 560 -27 616
Andere elementen van het resultaat (opgenomen in het eigen vermogen)
-63 361 70 052
VOLLEDIG PERIODERESULTAAT -27 290 157 606
Toerekenbaar aan
de Groep -23 472 141 948
6.14. -3 818 15 658
minderheidsbelangen van derden

Geconsolideerde balans

Activa per 31 december Toe
in duizend € lichting 2013 2014
Vaste activa 1 608 640 1 850 842
Immateriële activa 6.1. 71 043 98 087
Goodwill 6.2. 16 369 18 483
Materiële vaste activa 6.3. 1 239 058 1 432 803
Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen 6.4. 155 838 155 734
Overige vaste activa 6.5. 48 781 44 468
Uitgestelde belastingvorderingen 6.6. 77 551 101 267
Vlottende activa 1 771 817 2 106 873
Voorraden 6.7. 539 265 640 807
Ontvangen bankwissels 6.7. 110 218 114 118
Handelsvorderingen 6.7. 583 215 707 569
Overige vorderingen 6.8. 83 781 106 627
Geldbeleggingen 6.9. 10 172 14 160
Geldmiddelen en kasequivalenten 6.9. 391 857 458 542
Overige vlottende activa 6.10. 51 213 65 050
Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop 6.11. 2 096 -
Totaal 3 380 457 3 957 715
Passiva per 31 december Toe
in duizend € lichting 2013 2014
Eigen vermogen 1 503 876 1 566 212
Kapitaal 6.12. 176 773 176 914
Uitgiftepremies 31 055 31 693
Overgedragen resultaten 6.13. 1 307 618 1 352 197
Overige Groepsreserves 6.13. -169 170 -194 013
Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep 1 346 276 1 366 791
Minderheidsbelangen 6.14. 157 600 199 421
Verplichtingen op meer dan een jaar 904 966 1 204 581
Voorzieningen voor personeelsbeloningen 6.15. 136 602 175 774
Overige voorzieningen 6.16. 40 510 55 744
Rentedragende schulden 6.17. 688 244 910 074
Overige verplichtingen op meer dan een jaar 6.18. 2 587 8 736
Uitgestelde belastingverplichtingen 6.6. 37 023 54 253
Verplichtingen op ten hoogste een jaar 971 615 1 186 922
Rentedragende schulden 6.17. 321 907 441 552
Handelsschulden 6.7. 338 864 390 943
Personeelsbeloningen 6.7. / 6.15. 121 117 121 934
Overige voorzieningen 6.16. 23 912 20 493
Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen 83 329 97 424
Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar 6.19. 82 486 114 576
Verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd
als aangehouden voor verkoop 6.11. - -
Totaal 3 380 457 3 957 715

Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen

in duizend € Kapitaal Uitgiftepremies Overgedragen resultaten Overige reserves Gecumuleerde omrekeningsverschillen Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep Minderheidsbelangen2 Saldo per 1 januari 2013 176 586 30 194 1 325 410 -94 133 -16 087 1 421 970 181 623 1 603 593 Volledig perioderesultaat (herwerkt) - - 27 551 20 658 -71 681 -23 472 -3 818 -27 290 Herclassificeringen - - 4 179 - 2 992 7 171 -7 171 - Wijzigingen in Groepstructuur - - 74 - - 74 -74 - In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen - - - 4 356 - 4 356 - 4 356 Uitgifte nieuwe aandelen 187 861 - - - 1 048 - 1 048 Transacties eigen aandelen - - - -15 275 - -15 275 - -15 275 Dividenden - - -49 596 - - -49 596 -12 960 -62 556 Saldo per 31 december 2013 176 773 31 055 1 307 618 -84 394 -84 776 1 346 276 157 600 1 503 876 Saldo per 1 januari 2014 176 773 31 055 1 307 618 -84 394 -84 776 1 346 276 157 600 1 503 876 Volledig perioderesultaat - - 89 003 -23 916 76 861 141 948 15 658 157 606 Kapitaalverhogingen door minderheidsbelangen - - - - - - 53 399 53 399 Wijzigingen in Groepstructuur - - 5 226 -10 297 1 766 -3 305 25 988 22 683 In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op Totaal

Overige Groepsreserves1

aandelen gebaseerde betalingen - - - 2 845 - 2 845 - 2 845 Uitgifte nieuwe aandelen 141 638 - - - 779 - 779 Transacties eigen aandelen - - - -72 102 - -72 102 - -72 102 Dividenden - - -49 650 - - -49 650 -53 224 -102 874 Saldo per 31 december 2014 176 914 31 693 1 352 197 -187 864 -6 149 1 366 791 199 421 1 566 212

1 Zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'.

2 Zie toelichting 6.14. 'Minderheidsbelangen'.

Geconsolideerd kasstroomoverzicht

lichting
2013
2014
in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december
Bedrijfsactiviteiten
Bedrijfsresultaat (EBIT)
5.1. / 5.2.
137 270
171 254
Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in het bedrijfsresultaat
7.1.
192 884
187 847
Investeringsposten verwerkt in het bedrijfsresultaat
7.1.
480
-8 057
Gebruikte bedragen van voorzieningen voor personeelsbeloningen
en overige voorzieningen
7.1.
-45 329
-44 452
Betaalde winstbelastingen
5.5. / 7.1.
-51 507
-45 827
Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten
233 798
260 765
Wijzigingen in operationeel werkkapitaal
6.7.
78 491
-54 623
Overige bedrijfskasstromen
7.1.
-6 526
-19 193
Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten
305 763
186 949
Investeringsactiviteiten
Nieuwe bedrijfscombinaties
7.2.
-
-108 512
Andere verwervingen van deelnemingen
-
-1 973
Inkomsten uit verkoop van deelnemingen
6 668
3 103
Ontvangen dividenden
6.4.
13 705
20 724
Investeringen in immateriële activa
6.1. / 7.2.
-2 176
-21 752
Investeringen in materiële vaste activa
6.3.
-94 637
-132 784
Overige investeringskasstromen
7.1.
4 474
15 847
Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten
-71 966
-225 347
Financieringsactiviteiten
Ontvangen rente
5.3.
9 989
5 338
Betaalde rente
5.3.
-75 291
-61 069
Betaalde brutodividenden aan aandeelhouders van NV Bekaert SA
-49 596
-49 650
Betaalde brutodividenden aan minderheidsbelangen
-8 745
-16 746
Inkomsten uit rentedragende schulden op meer dan een jaar
6.17.
80 036
343 960
Aflossing van rentedragende schulden op meer dan een jaar
6.17.
-202 201
-191 172
Kasstromen m.b.t. rentedragende schulden op ten hoogste een jaar
6.17.
-34 338
147 605
Transacties eigen aandelen
6.13.
-15 275
-72 102
Overige financieringskasstromen
7.1.
103 005
-18 219
Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten
-192 416
87 945
Toename of afname (-) in geldmiddelen en kasequivalenten
41 381
49 547
Geldmiddelen en kasequivalenten - begin van de periode
352 312
391 857
Effect van wisselkoersfluctuaties
-1 836
17 138
Geldmiddelen en kasequivalenten - einde van de periode
391 857
458 542

Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening

1. Algemene informatie

NV Bekaert SA (de 'onderneming') is een onderneming die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de onderneming omvat de onderneming en haar dochterondernemingen (samen verder de 'Groep' of 'Bekaert' genoemd) en het belang van de Groep in joint ventures en geassocieerde ondernemingen gewaardeerd volgens de equity-methode. De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur van de onderneming vrijgegeven voor publicatie op 25 maart 2015.

2. Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor financiële verslaggeving

2.1. Conformiteitsverslag

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie. Deze jaarrekening is ook in overeenstemming met de IFRS-standaarden zoals gepubliceerd door de IASB.

Nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties

Standaarden, interpretaties en aanpassingen die van kracht werden in 2014

Volgende nieuwe interpretatie en herziene standaarden werden van kracht gedurende de huidige verslagperiode. De toepassing ervan had geen impact op de gerapporteerde bedragen in deze jaarrekening, maar kan een impact hebben op toekomstige transacties of overeenkomsten.

  • IFRIC 21 'Heffingen' (ingangsdatum 1 januari 2014), gepubliceerd in mei 2013. Deze interpretatie behandelt de timing en opname van een verplichting om een heffing te betalen indien die verplichting valt binnen het toepassingsgebied van IAS 37 'Voorzieningen, voorwaardelijke verplichtingen en voorwaardelijke activa'. De interpretatie zal waarschijnlijk van invloed zijn op de bedragen die in tussentijdse verslaggeving worden opgenomen.
  • Aanpassingen aan IFRS 10, IFRS 12 en IAS 27 (ingangsdatum 1 januari 2014), die een investeringsentiteit definiëren en specifiëren dat een entiteit die beantwoordt aan de definitie van een investeringsentiteit haar dochterondernemingen niet moet consolideren maar opnemen tegen reële waarde via het resultaat.

  • Aanpassingen aan IAS 32 (ingangsdatum 1 januari 2014), die de vereisten om financiële activa en financiële verplichtingen te compenseren verduidelijken.

  • Aanpassingen aan IAS 36 'Bijzondere waardevermindering van activa' (ingangsdatum 1 januari 2014), gepubliceerd in mei 2013. Deze aanpassingen hebben betrekking op toelichtingen in verband met de realiseerbare waarde van nietfinanciële activa.
  • Aanpassingen aan IAS 39 'Financiële instrumenten: opname en waardering' (van kracht voor jaarrekeningen vanaf 1 januari 2014), gepubliceerd in juni 2013. Deze aanpassingen specifiëren wanneer hedge accounting moet stopgezet worden voor afdekkingsrelaties waarin een derivaat aangemerkt werd als afdekkingsinstrument in een situatie waarin dat derivaat genoveerd wordt aan een centrale tegenpartij als gevolg van het invoeren van een nieuwe wet of regulering.

Standaarden, aanpassingen en interpretaties die nog niet van kracht zijn in 2014 en die niet vervroegd toegepast werden

De Groep heeft niet geopteerd voor vervroegde toepassing van volgende nieuwe of gewijzigde standaarden, waarvan de toepassing een impact zou kunnen hebben:

  • IFRS 9 'Financiële instrumenten' (ingangsdatum 1 januari 2018). Alle opgenomen financiële activa die binnen het toepassingsgebied van IAS 39 vallen, moeten later gewaardeerd worden tegen geamortiseerde kostprijs of reële waarde. Alleen schuldbeleggingen verworven met de intentie om de contractuele kasstromen te ontvangen tot aan de vervaldatum worden tegen geamortiseerde

kostprijs gewaardeerd. Andere schuldinstrumenten en alle eigenvermogensinstrumenten worden gewaardeerd tegen reële waarde. Met betrekking tot de waardering van financiële verplichtingen aangemerkt als tegen reële waarde via het resultaat, vereist IFRS 9 dat de wijziging in reële waarde van een financiële verplichting die toe te schrijven is aan wijzigingen in het kredietrisico van die verplichting gepresenteerd wordt in andere elementen van het resultaat, behalve indien deze behandeling een vertekening van het resultaat zou veroorzaken of vergroten. IFRS 9 wijzigt ook de vereisten inzake hedge accounting en voert het "verwachte verlies"-model in voor bijzondere waardevermindering op financiële activa.

  • IFRS 15 'Opbrengsten uit contracten met klanten' (ingangsdatum 1 januari 2017), die één allesomvattend model vastlegt voor de verwerking door entiteiten van opbrengsten uit contracten met klanten. De nieuwe standaard introduceert een 5-stappenaanpak voor opname en waardering van opbrengsten: (1) identificeer het contract met de klant; (2) identificeer de prestatieverplichtingen in het contract; (3) bepaal de transactieprijs; (4) wijs de transactieprijs toe aan de prestatieverplichtingen in het contract; (5) neem opbrengsten op wanneer (of naarmate dat) de entiteit voldoet aan een prestatieverplichting. Er worden ook uitgebreide toelichtingen vereist.
  • Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS (cyclus 2010- 2012) (ingangsdatum 1 juli 2014), gepubliceerd in december 2013. De verbeteringen hebben betrekking op IFRS 2 'Op aandelen gebaseerde betalingen', definitie van toezeggingsvoorwaarden; IFRS 3 'Bedrijfscombinaties', verduidelijking hoe een kostprijsaanpassing van een bedrijfscombinatie die afhankelijk is van toekomstige gebeurtenissen dient verwerkt; IFRS 8 'Operationele segmenten', verduidelijking wanneer operationele segmenten mogen geaggregeerd worden en hoe het totaal van de activa van te rapporteren segmenten dient aangesloten met de activa van de entiteit; IFRS 13 'Waardering tegen reële waarde', verduidelijkingen inzake kortetermijnvorderingen en –verplichtingen; IAS 16 'Materiële vaste activa', verduidelijking van de proportionele herwerking van gecumuleerde afschrijvingen wanneer de herwaarderingsmethode toegepast wordt; IAS 24 'Informatieverschaffing over verbonden partijen', definitie van key management personeel; en IAS 38 'Immateriële vaste activa', verduidelijking van de proportionele herwerking van gecumuleerde afschrijvingen wanneer de herwaarderingsmethode toegepast wordt.
  • Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS (cyclus 2011- 2013) (ingangsdatum 1 juli 2014), gepubliceerd in december 2013. Deze verbeteringen hebben betrekking op IFRS 1 'Eerste toepassing van International Financial Reporting Standards', verduidelijking van de betekenis van 'van kracht zijnde IFRS'; IFRS 3 'Bedrijfscombinaties', verduidelijking van uitzonderingen op het

toepassingsgebied voor joint ventures; IFRS 13 'Waardering tegen reële waarde', verduidelijking van het toepassingsgebied van portfoliouitzonderingen; en IAS 40 'Vastgoedbeleggingen', verduidelijking van de wisselwerking tussen IFRS 3 en IAS 40 wanneer vastgoed geclassificeerd wordt als vastgoedbelegging of vastgoed voor eigen gebruik.

  • Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS (cyclus 2012- 2014) (ingangsdatum 1 januari 2016), gepubliceerd in september 2014. Deze verbeteringen hebben betrekking op IFRS 5 'Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten', waarin wijzigingen in afstotingsmethodes uitgewerkt worden; IFRS 7 'Financiële instrumenten: informatieverschaffing', waarin aanhoudende betrokkenheid in overgedragen financiële activa via servicecontracten toegelicht wordt en de toepasbaarheid van de aanpassingen in IFRS 7 op verkorte tussentijdse financiële overzichten; IAS 34 'Tussentijdse financiële verslaggeving', waarin de presentatie van informatie 'elders in het tussentijds financieel verslag' geregeld wordt, en IAS 19 'Personeelsbeloningen', met richtlijnen voor het bepalen van de toe te passen disconteringsvoet. Laatstgenoemde aanpassing stelt dat, voor valuta's waarin er geen ruim marktaanbod is van hoogwaardige ondernemingsobligaties, de te gebruiken disconteringsvoet voor verplichtingen uit vergoedingen na uitdiensttreding moet gebaseerd worden op marktrendementen op overheidsobligaties uitgedrukt in die valuta. Tevens vereist zij dat dit principe toegepast wordt vanaf het begin van de vroegste vergelijkende periode in de eerste jaarrekening waarin de entiteit deze aanpassing toepast. Bekaert verwacht dat een initiële aanpassing van ongeveer € 7.5 miljoen zal geboekt worden ten laste van overgedragen resultaten (op basis van gegevens per jaareinde 2014) bij eerste toepassing van deze aanpassing, die voornamelijk van invloed zal zijn op de toegezegdpensioenregelingen in Ecuador.
  • Aanpassingen aan IFRS 11 'Verwerking van overnames van deelnemingen in gezamenlijke bedrijfsactiviteiten' (ingangsdatum 1 januari 2016), met richtlijnen inzake de verwerking van een overname van belangen in een gezamenlijke bedrijfsactiviteit die een business vormt volgens de definitie in IFRS 3 'Bedrijfscombinaties'.
  • Aanpassingen aan IFRS 10 en IAS 28 'Verkoop of inbreng van activa tussen investeerder en de geassocieerde deelneming of joint venture' (ingangsdatum 1 januari 2016), die specifiëren dat een winst uit inbreng van een bedrijfsactiviteit in een geassocieerde deelneming of joint venture niet moet geëlimineerd worden in consolidatie.
  • Aanpassingen aan IAS 1 'Presentatie van de jaarrekening' – toelichtingsproject (ingangsdatum 1 januari 2016) die verduidelijken dat er rekening moet gehouden worden met materialiteit bij het

presenteren van informatie zowel in de belangrijkste financiële staten als in de toelichtingen.

In dit stadium verwacht de Groep geen belangrijke impact op de jaarrekening van de eerste toepassing van de overige wijzigingen van standaarden en nieuwe interpretaties, zoals:

  • Aanpassingen aan IAS 19 'Personeelsbeloningen' (toepasbaar voor boekjaren vanaf 1 juli 2014), gepubliceerd in november 2013. Deze aanpassingen verduidelijken de verwerking van bijdragen door werknemers of derden aan toegezegdpensioenregelingen.
  • IFRS 14 'Uitgestelde rekeningen in verband met prijsregulering' (ingangsdatum 1 januari 2016), specifieert de verwerking van gereguleerde uitgestelde rekeningsaldi die ontstaan uit aan prijsregulering onderhevige activiteiten.
  • Aanpassingen aan IAS 16 en IAS 38 'Verduidelijking van aanvaardbare afschrijvingsmethodes' (ingangsdatum 1 januari 2016), die het gebruik van een opbrengstgebaseerde afschrijvingsmethode verbiedt voor materiële vaste activa en het gebruik van een opbrengstgebaseerde afschrijvingsmethode voor immateriële activa beperkt tot specifieke omstandigheden.

2.2. Algemene principes

Voorstellingsbasis

De geconsolideerde rekeningen worden voorgesteld in duizend euro, op basis van de historische kostprijsmethode, behalve voor deelnemingen aangehouden voor handelsdoeleinden en beschikbaar voor verkoop, die tegen reële waarde worden opgenomen. Financiële activa waarvoor geen prijsnotering voorhanden is in een actieve markt en waarvan de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan bepaald worden, worden tegen historische kostprijs gewaardeerd. Tenzij anders vermeld, werden de grondslagen voor financiële verslaggeving consistent met het vorig boekjaar toegepast.

Consolidatieprincipes

Dochterondernemingen

Dochterondernemingen zijn entiteiten waarover NV Bekaert SA een beslissende invloed ('zeggenschap') uitoefent. Dit is het geval wanneer NV Bekaert SA blootgesteld is aan, of recht heeft op, variabele opbrengsten uit haar deelneming in de entiteit en de mogelijkheid heeft om deze opbrengsten te beïnvloeden door haar macht over de entiteit. De jaarrekeningen van dochterondernemingen worden in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap. Alle intragroepsverrichtingen, intragroepssaldi en nietgerealiseerde winsten op intragroepsverrichtingen worden geëlimineerd; niet-gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd tenzij het om permanente waardeverminderingen gaat. Het deel van het eigen vermogen en van het resultaat dat toewijsbaar is aan de minderheidsaandeelhouders wordt afzonderlijk vermeld in de balans, respectievelijk de winst-en-verliesrekening. Wijzigingen in het aandeelhouderschap van de Groep in dochterondernemingen waarbij de Groep de zeggenschap niet verliest, worden verwerkt als eigenvermogentransacties. Daarbij worden de nettoboekwaardes van de Groepsbelangen en van minderheidsbelangen aangepast aan de gewijzigde participatieverhoudingen in deze dochterondernemingen. Verschillen tussen de aanpassing van de minderheidsbelangen en de reële waarde van de betaalde of ontvangen overnamevergoeding worden rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen. Wanneer de Groep de zeggenschap in een dochteronderneming verliest, wordt de winst of het verlies op de afstoting bepaald als het verschil tussen:

  • de reële waarde van de ontvangen overnamevergoeding plus de reële waarde van het eventueel resterend belang, en
  • de nettoboekwaarde van de activa (inclusief goodwill), passiva en eventuele minderheidsbelangen in de dochteronderneming vóór haar afstoting.

Gezamenlijke overeenkomsten en geassocieerde ondernemingen

Er is sprake van een gezamenlijke overeenkomst wanneer NV Bekaert SA contractueel overeengekomen is om de zeggenschap te delen met een of meerdere partijen, wat enkel het geval is wanneer beslissingen over de relevante activiteiten de unanieme goedkeuring vereisen van de partijen die gezamenlijke zeggenschap hebben. Een gezamenlijke overeenkomst kan behandeld worden als een gezamenlijke activiteit (wanneer NV Bekaert SA rechten heeft op de activa en verbintenissen voor de verplichtingen) of als een gezamenlijke entiteit / joint venture (wanneer NV Bekaert SA enkel recht heeft op het nettoactief). Geassocieerde ondernemingen zijn ondernemingen waarin NV Bekaert SA, rechtstreeks of onrechtstreeks, een invloed van betekenis heeft en die geen dochterondernemingen of gezamenlijke overeenkomsten zijn. Dit is verondersteld het geval te zijn indien de Groep tenminste 20% van de stemrechten verbonden met de aandelen bezit. De opgenomen financiële informatie met betrekking tot deze ondernemingen is opgesteld volgens de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep. Wanneer de Groep gezamenlijke zeggenschap in een joint venture verwerft of een invloed van betekenis in een geassocieerde onderneming verwerft, wordt het aandeel in de verworven activa, passiva en voorwaardelijke verplichtingen initieel geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum en verwerkt volgens de equity-methode. Indien de overnamevergoeding meer bedraagt dan de reële waarde van het verworven aandeel in de overgenomen activa, passiva en voorwaardelijke

verplichtingen wordt dit verschil als goodwill opgenomen. Is de aldus berekende goodwill negatief, dan wordt dit verschil onmiddellijk in het resultaat verwerkt. Daarna wordt het aandeel van de Groep in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen overeenkomstig de equity-methode in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen tot de dag dat er een einde komt aan de gezamenlijke zeggenschap of de invloed van betekenis. Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen van een joint venture of geassocieerde onderneming groter wordt dan de boekwaarde van de deelneming, wordt de boekwaarde op nul gezet en worden bijkomende verliezen enkel nog opgenomen in de mate dat de Groep bijkomende verplichtingen op zich genomen heeft. Nietgerealiseerde winsten uit transacties met joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden geëlimineerd ten belope van het belang van de Groep tegenover de deelneming in de joint venture of de geassocieerde onderneming. De nettoboekwaarde van deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen wordt opnieuw geëvalueerd indien er indicaties zijn van een bijzondere waardevermindering, of indicaties dat eerder opgenomen bijzondere waardeverminderingen niet langer gerechtvaardigd zijn. De deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen in de balans omvatten ook de boekwaarde van gerelateerde goodwill.

Valutaomrekening

Elementen uit de jaarrekening van elk van de Groepsentiteiten worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit werkt (de 'functionele valuta'). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, de functionele valuta van de onderneming en tevens de presentatievaluta van de Groep. De jaarrekeningen van buitenlandse dochterondernemingen worden als volgt omgerekend:

  • activa en verplichtingen tegen de slotkoers van de Europese Centrale Bank of, in het geval van de Venezolaanse bolivar fuerte, tegen de overeenkomstige economische wisselkoers die representatief geacht wordt voor dividendrepatriaties op de balansdatum;
  • opbrengsten, kosten en kasstromen tegen de gemiddelde dagkoers van het jaar, of, voor de Venezolaanse entiteiten, tegen de economische wisselkoers op de balansdatum, zoals vereist voor entiteiten met een functionele valuta die de valuta is van een economie met hyperinflatie in overeenstemming met IAS 21 'De gevolgen van wisselkoerswijzigingen';
  • componenten van het eigen vermogen tegen historische wisselkoers.

Wisselkoersverschillen die ontstaan bij de omrekening van de netto-investering in buitenlandse dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen tegen de slotkoers worden in het eigen vermogen opgenomen onder 'Gecumuleerde omrekeningsverschillen'. Bij verkoop van buitenlandse entiteiten worden de betreffende gecumuleerde omrekeningsverschillen opgenomen in de winst-en-verliesrekening als deel

van de gerealiseerde meer- of minwaarde op de verkoop. In de jaarrekening van de moedervennootschap en haar dochterondernemingen worden alle monetaire activa en verplichtingen in vreemde valuta omgerekend tegen de wisselkoers op de balansdatum, wat aanleiding geeft tot nietgerealiseerde wisselresultaten. Alle gerealiseerde en niet-gerealiseerde koerswinsten en -verliezen worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen, behalve wanneer zij opgespaard worden in het eigen vermogen als in aanmerking komende kasstroomafdekkingen en afdekkingen van nettoinvesteringen. Goodwill wordt beschouwd als een actief van de overgenomen partij en wordt daarom verwerkt in de valuta van de overgenomen partij en omgerekend tegen de slotkoers.

2.3. Balanselementen

Immateriële activa

Immateriële activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde; afzonderlijk verworven immateriële activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Na hun initiële opname worden immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs of reële waarde verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Immateriële activa worden lineair afgeschreven over hun naar best vermogen geschatte gebruiksduur. De afschrijvingsduur en -methode worden elk jaar opnieuw geëvalueerd bij afsluiting van het boekjaar. Een wijziging in de gebruiksduur van een immaterieel actief wordt prospectief verwerkt als een schattingswijziging. Volgens de bepalingen van IAS 38 kunnen immateriële activa een onbepaalde gebruiksduur hebben. Indien de gebruiksduur van een immaterieel actief niet kan worden bepaald, wordt er geen afschrijving opgenomen en wordt het actief minstens jaarlijks geëvalueerd met het oog op een bijzondere waardevermindering.

Licenties, patenten en soortgelijke rechten

Uitgaven voor aangekochte licenties, patenten, handelsmerken en soortgelijke rechten worden geactiveerd en lineair afgeschreven over de contractuele looptijd, indien van toepassing, of over de geschatte gebruiksduur, die normaal ingeschat wordt op hoogstens 10 jaar.

Computersoftware

Uitgaven met betrekking tot aankoop, ontwikkeling of onderhoud van computersoftware worden over het algemeen ten laste van het resultaat genomen op het ogenblik dat ze zich voordoen. Alleen externe uitgaven die rechtstreeks verband houden met de aankoop en implementatie van aangekochte ERP-software worden als immateriële activa opgenomen en lineair afgeschreven over 5 jaar.

Gebruiksrechten van terreinen

Het gebruiksrecht van terreinen wordt opgenomen als immaterieel actief en lineair afgeschreven over de contractuele periode.

Onderzoek en ontwikkeling

Uitgaven voor onderzoeksactiviteiten met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis of inzichten worden als kosten in de winst-en-verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen.

Uitgaven voor ontwikkelingsactiviteiten, waarbij onderzoeksresultaten toegepast worden in een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen voorafgaand aan commerciële productie of ingebruikname, worden alleen opgenomen in de balans als aan alle onderstaande voorwaarden is voldaan:

  • het product of proces is nauwkeurig omschreven en de uitgaven zijn afzonderlijk identificeerbaar en op een betrouwbare manier meetbaar;
  • de technische haalbaarheid van het product is bewezen;
  • het product of proces zal gecommercialiseerd worden of binnen de onderneming aangewend worden;
  • er wordt verwacht dat de activa toekomstige economische voordelen zullen genereren (bv. er bestaat een potentiële markt voor het product of het nut voor interne aanwending is bewezen);
  • de nodige technische, financiële en andere middelen zijn aanwezig om het project te finaliseren.

Geactiveerde ontwikkelingskosten worden lineair afgeschreven vanaf de start van de commerciële productie van het product over de verwachte duur van de gegenereerde voordelen. De afschrijvingsduur is normaliter hoogstens tien jaar. Een lopend onderzoeks- en ontwikkelingsproject verworven in een bedrijfscombinatie wordt afzonderlijk van goodwill geactiveerd als zijn reële waarde betrouwbaar kan gemeten worden.

Emissierechten

Bij gebrek aan IASB-standaarden en -interpretaties betreffende de administratieve verwerking van CO2 emissierechten, heeft de Groep de 'nettobenadering' gebruikt. Deze methode houdt in dat:

  • emissierechten worden opgenomen als immateriële activa tegen hun kostprijs (de gratis verkregen rechten worden dus tegen nulwaarde opgenomen), en
  • indien de werkelijke emissies de opgenomen rechten overtreffen, wordt een verplichting opgenomen tegen de reële waarde van de aan te kopen rechten om het tekort aan te vullen op balansdatum.

Overige immateriële activa

Overige immateriële activa bevatten voornamelijk klantenlijsten en andere immateriële commerciële activa, zoals merknamen, die afzonderlijk of bij een bedrijfscombinatie verworven werden. Deze worden lineair afgeschreven over hun geschatte gebruiksduur.

Goodwill en bedrijfscombinaties

Overnames van bedrijven worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overgedragen overnamevergoeding in een bedrijfscombinatie wordt gewaardeerd tegen reële waarde, die berekend wordt als de som van de reële waardes op de overnamedatum van de activa afgestaan door de Groep, de verplichtingen opgenomen door de Groep tegenover de vorige eigenaars van de overgenomen activiteit en de participaties afgestaan door de Groep in ruil voor de zeggenschap in de overgenomen partij. Uitgaven in verband met de overname worden opgenomen in het resultaat zodra ze zich voordoen.

De identificeerbare overgenomen activa en opgelopen verplichtingen worden opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum. Goodwill wordt bepaald als het verschil tussen:

  • (i) de som van volgende elementen:
  • de overgedragen overnamevergoeding;
  • de minderheidsbelangen in de overgenomen partij;
  • de reële waarde van de (eventuele) participatie die de Groep voorheen had in de overgenomen partij; en

(ii) het saldo van de identificeerbare overgenomen activa min de opgelopen verplichtingen op de overnamedatum. Indien dit verschil, na een grondige evaluatie, negatief blijkt ("negatieve goodwill"), dan wordt het onmiddellijk in het resultaat opgenomen als een opbrengst uit een voordelige aankoop.

Minderheidsbelangen worden initieel gewaardeerd ofwel tegen reële waarde ofwel tegen hun evenredig aandeel in de opgenomen waarde van de identificeerbare nettoactiva van de overgenomen partij. Deze waarderingskeuze kan transactie per transactie gemaakt worden. Wanneer de overnamevergoeding die de Groep verschuldigd is bij een bedrijfscombinatie voorwaardelijke vorderingen of verplichtingen omvat, wordt de voorwaardelijke vergoeding gewaardeerd tegen haar reële waarde op de overnamedatum en opgenomen in de overnamevergoeding voor de bedrijfscombinatie. Latere wijzigingen in reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding worden opgenomen in het resultaat.

Wanneer een bedrijfscombinatie in fasen tot stand komt, wordt het belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum (d.i. de datum waarop de Groep de zeggenschap verwerft), en wordt de eventuele opbrengst of last opgenomen in het resultaat. Bedragen met betrekking tot belangen in de overgenomen partij vóór de overnamedatum die voorheen rechtstreeks opgenomen werden in het eigen vermogen, worden overgedragen naar de winst-en-verliesrekening indien dat ook van

toepassing zou zijn bij afstoting van de betreffende belangen.

Bijzondere waardeverminderingen van goodwill

Voor het toetsen op bijzondere waardevermindering wordt goodwill toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden van de Groep waarvan verwacht wordt dat zij voordelen zullen halen uit de synergieën van de bedrijfscombinatie. Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen. Dit gebeurt ook tussentijds wanneer er aanwijzingen zijn dat de boekwaarde van de eenheid hoger zou kunnen zijn dan de realiseerbare waarde. Indien de realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid lager is dan haar boekwaarde, wordt de bijzondere waardevermindering eerst in mindering gebracht van de boekwaarde van de goodwill die aan de kasstroomgenererende eenheid werd toegewezen. Daarna wordt de bijzondere waardevermindering toegewezen aan de andere vaste activa die tot de eenheid behoren, evenredig met hun boekwaarde. Wanneer een bijzondere waardevermindering voor goodwill eenmaal is opgenomen, wordt deze in een latere periode niet teruggenomen.

Materiële vaste activa

De Groep heeft geopteerd voor het historischekostprijsmodel en niet voor het herwaarderingsmodel. Afzonderlijk verworven materiële vaste activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Materiële vaste activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen hun reële waarde, die vanaf dan geldt als hun kostprijs. Na hun initiële opname worden materiële vaste activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat alle directe kosten en uitgaven die opgelopen werden om het actief op de locatie en in de staat te brengen die noodzakelijk is om op de beoogde wijze te functioneren. Financieringskosten die direct toewijsbaar zijn aan de verwerving, bouw of productie van een in aanmerking komend actief worden geactiveerd als deel van de kost van dat actief. Materiële vaste activa worden lineair afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur, naargelang van hun categorie.

De gebruiksduur en de afschrijvingsmethode worden minstens op het einde van elk boekjaar opnieuw geëvalueerd. Tenzij herzien ten gevolge van specifieke wijzigingen in de verwachte gebruiksduur, worden volgende jaarlijkse afschrijvingspercentages toegepast:

0%
5%
en uitrusting 8%-25%
onderzoek en ontwikkeling 16,7%-25%
20%
25%
- terreinen
- gebouwen
- installaties, machines
- testapparatuur voor
- meubilair en rollend materieel
- computermaterieel

Activa aangehouden via financiële lease worden afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur op dezelfde basis als activa in eigendom of – indien korter – over de relevante leaseperiode. Als de boekwaarde van een actief hoger is dan de geschatte realiseerbare waarde, wordt het onmiddellijk afgeschreven tot op de realiseerbare waarde (zie paragraaf over 'Bijzondere waardevermindering van activa'). Meer- en minwaarden bij de realisatie van vaste activa worden opgenomen in het bedrijfsresultaat.

Lease-overeenkomsten

Financiële lease

Lease-overeenkomsten die aan de Groep vrijwel alle aan de eigendom van een actief verbonden risico's en voordelen overdragen, worden geclassificeerd als financiële lease. Materiële vaste activa verworven via een financiële lease worden in de balans opgenomen tegen hun reële waarde bij de aanvang van de lease-overeenkomst, of – indien deze lager is – tegen de contante waarde van de minimale leasebetalingen op het tijdstip van het aangaan van de lease-overeenkomst, verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De disconteringsvoet die gebruikt wordt bij de berekening van de contante waarde van de minimale leasebetalingen is de impliciete rentevoet van de lease-overeenkomst. Als deze niet kan achterhaald worden, wordt de marginale rentevoet van de onderneming gebruikt. Initiële directe kosten worden mee geactiveerd. Leasebetalingen worden opgesplitst in rentelasten en aflossingen van de uitstaande verplichting. Gedurende de leaseperiode worden de rentelasten aan elke periode toegerekend op een manier die resulteert in een constante periodieke rentevoet op het resterende saldo van de verplichting voor elke periode. Een financiële lease-overeenkomst geeft aanleiding tot zowel een afschrijvingslast voor het actief als een rentelast in elke periode. De afschrijvingsregels voor geleasede activa zijn consistent met deze voor activa in eigendom.

Operationele lease

Lease-overeenkomsten waarbij alle wezenlijke risico's en voordelen inherent aan de eigendom bij de leasinggever berusten worden als operationele lease-overeenkomsten geclassificeerd. Bij een operationele lease worden de leasebetalingen als kosten opgenomen en lineair gespreid over de leaseperiode. De totale waarde van de kortingen of voordelen toegestaan door de leasinggever wordt in mindering gebracht van de leasekosten en lineair gespreid over de leaseperiode. Inrichtingskosten van gebouwen onder operationele lease worden afgeschreven over de geschatte gebruiksduur of – indien korter – over de relevante leaseperiode.

Investeringssubsidies

Investeringssubsidies met betrekking tot de aankoop van materiële vaste activa worden in mindering gebracht van de kostprijs van deze activa. Zij worden in de balans opgenomen tegen hun verwachte waarde op het ogenblik van de initiële goedkeuring en – indien nodig – achteraf gecorrigeerd bij de definitieve toekenning. De subsidie wordt afgeschreven over dezelfde periode als de materiële vaste activa waarvoor de subsidie werd verkregen.

Financiële activa

De Groep classificeert zijn financiële activa in volgende categorieën: tegen reële waarde via het resultaat, leningen en vorderingen en beschikbaar voor verkoop. De classificatie hangt af van de bedoeling waarmee de financiële activa werden aangeschaft. Het management legt de classificatie van financiële activa vast bij hun initiële opname.

Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat (RWVR)

Financiële activa worden geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat als ze aangehouden worden voor handelsdoeleinden. Financiële activa tegen RWVR worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende baten of lasten in het resultaat opgenomen worden. Een financieel actief wordt in deze categorie ondergebracht als het voornamelijk aangeschaft werd om het op korte termijn te verkopen. Derivaten behoren ook tot de categorie tegen RWVR, tenzij ze aangemerkt werden en effectief zijn als afdekking.

Leningen en vorderingen

Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële instrumenten met vaste of bepaalbare betalingen die niet genoteerd worden in een actieve markt. Tot de categorie leningen en vorderingen van de Groep behoren – tenzij anders vermeld – volgende balanselementen: handelsvorderingen en overige vorderingen, ontvangen bankwissels, geldbeleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten. Leningen en vorderingen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode, na aftrek van bijzondere waardeverminderingen.

Ontvangen bankwissels

Betaling door middel van bankwissels is een wijdverbreide praktijk in China. Ontvangen bankwissels worden ofwel geïnd op de vervaldag, ofwel verdisconteerd voor de vervaldag, ofwel doorgegeven aan een leverancier als betaling van een schuld. Verdisconteren gebeurt ofwel met, ofwel zonder verhaal. Met verhaal betekent dat de verdisconterende bank terugbetaling kan eisen indien de uitgever zijn verplichting niet nakomt. Wanneer een bankwissel verdisconteerd wordt met verhaal, wordt het ontvangen bedrag niet afgeboekt van de uitstaande ontvangen bankwissels, maar wordt een verplichting opgezet onder 'rentedragende schulden op ten hoogste een jaar' tot de vervaldag van de wissel.

Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen

Kasequivalenten en geldbeleggingen zijn kortlopende beleggingen die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen waarvan het bedrag gekend is. Zij houden geen significant risico op waardeverandering in. Kasequivalenten zijn in hoge mate liquide en hebben een oorspronkelijke looptijd van hoogstens drie maanden, terwijl geldbeleggingen een oorspronkelijke looptijd van meer dan drie maanden en ten hoogste een jaar hebben.

Financiële activa beschikbaar voor verkoop

Vaste activa beschikbaar voor verkoop omvatten deelnemingen in entiteiten die niet in de eerste plaats aangeschaft werden om ze op korte termijn te verkopen, en die noch integraal, noch volgens de equity-methode geconsolideerd worden. Activa in deze categorie worden gewaardeerd tegen reële waarde, waarbij alle daaruit voortvloeiende baten en lasten rechtstreeks in het eigen vermogen worden opgenomen. Bij een bijzondere waardevermindering wordt het gecumuleerd verlies overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening. Zij worden echter tegen kostprijs gewaardeerd als er geen prijsnotering in een actieve markt voorhanden is en als hun reële waarde niet op een betrouwbare manier bepaald kan worden met behulp van alternatieve waarderingsmethoden.

Bijzondere waardevermindering van financiële activa

Financiële activa, behalve deze tegen RWVR, worden getoetst op bijzondere waardevermindering wanneer er hiervoor objectieve aanwijzingen zijn. Een aanzienlijke of langdurige daling van de reële waarde van een belegging in een eigenvermogensinstrument beneden de kostprijs vormt een objectieve aanwijzing voor een bijzondere waardevermindering. De Groep beschouwt elke daling van meer dan 30% beneden de kostprijs als aanzienlijk en elke daling die langer dan een jaar aanhoudt als langdurig. Wanneer een daling in reële waarde van een financieel actief beschikbaar voor verkoop in andere elementen van het resultaat werd opgenomen en er objectieve aanwijzingen zijn van bijzondere waardevermindering van het actief, wordt het gecumuleerd verlies dat opgenomen werd in andere elementen van het resultaat geherclassificeerd van eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening als een bijzondere waardevermindering. Voor handelsvorderingen en ontvangen bankwissels worden oninbaar geachte bedragen op elke balansdatum afgeschreven tegenover de betreffende provisierekening. Zowel toevoegingen aan deze provisierekening als terugnames worden gerapporteerd onder 'commerciële kosten' in de winst-en-verliesrekening.

Voorraden

Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen opbrengstwaarde indien deze lager is. De kostprijs wordt bepaald volgens de FIFO-methode (first-in, first-out). Van geproduceerde voorraden omvat de kostprijs alle directe en indirecte productiekosten die nodig zijn om de goederen tot hun afwerkingsstadium op balansdatum te brengen. De opbrengstwaarde staat gelijk met de geschatte verkoopprijs in normale marktomstandigheden, verminderd met de kosten die nodig zijn voor afwerking en verkoop.

Kapitaal

Bij inkoop van eigen aandelen wordt de aanschaffingsprijs, samen met de direct toewijsbare transactiekosten, opgenomen als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden in de balans gerapporteerd als een vermindering van het eigen vermogen. Bij annulering of verkoop van eigen aandelen wordt het transactieresultaat opgenomen in de overgedragen resultaten.

Minderheidsbelangen

De minderheidsbelangen vertegenwoordigen het aandeel van de minderheidsaandeelhouders in het eigen vermogen van dochterondernemingen waarin de Groep niet de volle 100% bezit. Minderheidsbelangen worden op de overnamedatum gewaardeerd ofwel tegen hun reële waarde ofwel tegen het evenredig belang van de minderheidsaandeelhouders in de reële waarde van de opgenomen nettoactiva bij verwerving van een dochteronderneming (bedrijfscombinatie). Nadien wordt hun waarde aangepast voor hun evenredig deel in latere winsten of verliezen. De verliezen die toewijsbaar zijn aan minderheidsaandeelhouders in een geconsolideerde dochteronderneming kunnen groter zijn dan hun aandeel in het eigen vermogen van de dochteronderneming. Een evenredig deel van het volledig perioderesultaat wordt toegewezen aan de minderheidsbelangen, ook al wordt het saldo van de minderheidsbelangen daardoor negatief.

Voorzieningen

Voorzieningen worden opgenomen in de balans indien de Groep op balansdatum een wettelijke of feitelijke verplichting heeft als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, waarvoor het waarschijnlijk nodig zal zijn middelen te besteden die economische voordelen inhouden die op een betrouwbare manier geschat kunnen worden. Elke voorziening is gebaseerd op de beste schatting van de uitgave die nodig is om aan de bestaande verplichting te voldoen op de balansdatum. Indien aangewezen, worden voorzieningen verdisconteerd.

Herstructurering

Een voorziening voor herstructurering wordt enkel opgenomen wanneer de Groep een gedetailleerd en formeel herstructureringsplan heeft goedgekeurd en de herstructurering ofwel werd aangevat, ofwel publiekelijk werd aangekondigd vóór balansdatum. Voorzieningen voor herstructurering omvatten enkel uitgaven die een rechtstreeks gevolg zijn van de herstructurering en geen verband houden met het voortzetten van de activiteiten van de entiteit.

Bodemsanering

Voorzieningen voor bodemsanering met betrekking tot vervuilde terreinen worden opgenomen overeenkomstig het door de Groep gepubliceerde milieubeleid en de vigerende wettelijke bepalingen.

Voorzieningen voor personeelsbeloningen

De moedervennootschap en verschillende van haar dochterondernemingen voorzien in pensioen-, overlijdens- en gezondheidszorgregelingen ten gunste van een belangrijk deel van hun werknemers.

Toegezegdpensioenregelingen

De meeste regelingen zijn van het type 'toegezegdpensioen', en de voordelen zijn afhankelijk van het aantal jaren dienst en het verloningsniveau. Bij toegezegdpensioenregelingen komt het in de balans opgenomen bedrag (de nettoverplichting of vordering) overeen met de contante waarde van de brutoverplichting, verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De contante waarde van de brutoverplichting van een toegezegdpensioenregeling is de contante waarde, vóór aftrek van de fondsbeleggingen, van de verwachte toekomstige betalingen die vereist zijn om de verplichting af te wikkelen die resulteert uit het dienstverband van de werknemer in de lopende periode en in voorgaande perioden. Voor toegezegdpensioenregelingen worden de contante waarde van de brutoverplichting en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten en eventuele pensioenkosten van verstreken diensttijd berekend volgens de projected unit credit-methode. De disconteringsvoet komt overeen met het rendement op balansdatum op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een resterende looptijd die vergelijkbaar is met deze van de verplichtingen van de Groep. Wanneer de reële waarde van de fondsbeleggingen groter is dan de contante waarde van de brutoverplichting, wordt de op te nemen nettovordering begrensd tot een maximumbedrag (de asset ceiling). Het maximumbedrag komt overeen met de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen of verminderingen van toekomstige bijdragen tot de regeling. De nettorente op de nettoverplichting / nettovordering is gebaseerd op dezelfde disconteringsvoet. Actuariële winsten en verliezen omvatten ervaringsaanpassingen (de gevolgen van verschillen tussen de voorgaande actuariële veronderstellingen en wat zich werkelijk voorgedaan heeft) en de gevolgen van wijzigingen in actuariële veronderstellingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd vertegenwoordigen de wijziging in de contante waarde van de brutoverplichting voor

prestaties die in voorgaande perioden door werknemers zijn verricht, en die in de lopende periode resulteren uit planwijzigingen of inperkingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk opgenomen via het resultaat. Herwaarderingen van de nettoverplichting (vordering) omvatten (a) actuariële winsten en verliezen, (b) het rendement op de fondsbeleggingen, na aftrek van de bedragen die opgenomen werden in de nettorente op de nettoverplichting (vordering) en (c) wijzigingen in het effect van de asset ceiling, na aftrek van bedragen die al vervat zitten in de nettorente op de nettoverplichting (vordering). Herwaarderingen worden onmiddellijk opgenomen via het eigen vermogen. Een afwikkeling is een transactie die alle verdere wettelijke of feitelijke verplichtingen wegneemt voor alle voordelen of een gedeelte van de voordelen voorzien door de toegezegdpensioenregeling, voor zover het niet gaat om een uitkering van voordelen aan, of in

naam van, werknemers die beschreven is in de beschikkingen van de regeling en vervat zit in de actuariële veronderstellingen. In de winst-enverliesrekening worden de pensioenkosten zowel van het dienstjaar als van verstreken diensttijd, met inbegrip van winsten of verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT), terwijl de nettorente op de nettoverplichting (vordering) in de rentelasten wordt opgenomen, als rentegedeelte van rentedragende voorzieningen. Brugpensioenregelingen in België en gezondheidszorgregelingen in de Verenigde Staten worden ook

Toegezegdebijdragenregelingen

verwerkt als toegezegdpensioenregelingen.

Verplichtingen aangaande bijdragen tot toegezegdebijdragenregelingen worden ten laste van de winst-en-verliesrekening genomen op het ogenblik dat zij ontstaan. In België legt de Belgische pensioenwetgeving een minimumrendement op. Daarom zijn deze plannen te beschouwen als toegezegdpensioenregelingen. De IASB erkent dat de verwerking van dergelijke zogenaamde 'op bijdragen gebaseerde' plannen volgens de huidige toepasbare methodologie voor toegezegdpensioenregelingen problematisch is. Gelet op de onzekerheid omtrent de toekomstige evolutie van dit gegarandeerd minimumrendement in België, heeft de onderneming de retrospectieve aanpak toegepast waarbij de nettoverplichtingen zijn gebaseerd op de som van de positieve verschillen, bepaald per individuele deelnemer, tussen de gegarandeerde minimumreserve en de gecumuleerde bijdragen gebaseerd op de actuele rendementen op balansdatum (de nettoverplichting, in voorkomend geval, is gebaseerd op de intrinsieke waarde van het tekort).

Andere langetermijnpersoneelsbeloningen

Andere langetermijnpersoneelsbeloningen zoals jubileumpremies worden verwerkt volgens de projected unit credit-methode. De boekhoudkundige verwerking verschilt echter met die van de vergoedingen na uitdiensttreding, omdat actuariële winsten en verliezen onmiddellijk opgenomen worden via het resultaat.

Op aandelen gebaseerde betalingen

De Groep kent op aandelen gebaseerde, in eigenvermogensinstrumenten en in geldmiddelen afgewikkelde betalingen toe aan bepaalde werknemers. De aandelenoptieplannen die werknemers van de Groep het recht toekennen om aandelen aan te kopen van NV Bekaert SA zijn van het type 'in eigenvermogensinstrumenten afgewikkeld'.

Share appreciation rights zijn van het type 'in geldmiddelen afgewikkeld', omdat ze aan de werknemers van de Groep een bonus in geldmiddelen toekennen waarvan het bedrag afhankelijk is van de koers van het Bekaertaandeel op de Euronextbeurs.

In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum (zonder rekening te houden met het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden). De reële waarde op de toekenningsdatum van in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen wordt ten laste genomen van het resultaat met daartegenover een toename van het eigen vermogen. De reële waarde wordt lineair afgeschreven over de wachtperiode tot de definitieve toezegging, gebaseerd op het geschatte aantal aandelenopties dat uiteindelijk zal toegezegd worden, en aangepast voor het effect van nietmarktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden.

In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen als verplichtingen tegen hun reële waarde, die op elke balansdatum en op de datum van afwikkeling herbepaald wordt. Wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De Groep gebruikt een binomiaal model om de reële waarde van op aandelen gebaseerde betalingen te bepalen.

Rentedragende schulden

Rentedragende schulden omvatten financiële verplichtingen en leningen die initieel opgenomen worden tegen de reële waarde van de ontvangen geldmiddelen, na aftrek van transactiekosten. Later worden ze aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode. Verschillen tussen het ontvangen bedrag (na aftrek van transactiekosten) en het terug te betalen bedrag op de vervaldatum worden in de winst-enverliesrekening opgenomen tijdens de duur van de verplichting. Indien financiële verplichtingen afgedekt zijn met behulp van derivaten die als reëlewaardeafdekking worden aangemerkt, worden de afdekkingsinstrumenten gewaardeerd tegen reële waarde en wordt de waardering van de afgedekte posities aangepast voor reëlewaardewijzigingen ten gevolge van het afgedekte risico (zie grondslagen voor financiële verslaggeving over derivaten en afdekking).

Handelsschulden en overige verplichtingen op ten hoogste een jaar

Handelsschulden en overige vlottende verplichtingen – met uitzondering van derivaten – worden gewaardeerd tegen kostprijs, die overeenkomt met de reële waarde van de te betalen vergoeding.

Winstbelastingen

Winstbelastingen worden ingedeeld in actuele en uitgestelde belastingen. Actuele belastingen omvatten de verwachte, over de verslagperiode verschuldigde belastingen en aanpassingen aan de belastingen van vorige jaren. Uitgestelde belastingen worden volgens de balansmethode berekend op tijdelijke verschillen tussen enerzijds de belastingbasis van activa en verplichtingen en anderzijds hun nettoboekwaarde. De voornaamste tijdelijke verschillen hebben betrekking op afschrijvingen van materiële vaste activa, voorzieningen met betrekking tot pensioenen, brugpensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding, niet-uitgekeerde winsten en overgedragen aftrekbare verliezen. Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn op de belastbare winst in de periode waarin de tijdelijke verschillen gerealiseerd of afgerekend zullen worden, op basis van de belastingtarieven die wettelijk vastliggen of zo goed als vastgelegd zijn op de balansdatum. Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen in de mate dat het waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst zal gerealiseerd worden waartegen de tijdelijke verschillen afgezet kunnen worden; dit criterium wordt op elke balansdatum opnieuw geëvalueerd. Uitgestelde belastingen worden ook berekend voor tijdelijke verschillen op deelnemingen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, behalve in het geval dat de Groep kan beslissen over het tijdstip waarop het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt en het onwaarschijnlijk is dat het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt in de nabije toekomst.

Derivaten, afdekking en afdekkingsreserve

De Groep gebruikt derivaten om valuta- en renterisico's af te dekken die voortvloeien uit bedrijfs-, financierings- en investeringsactiviteiten. Het nettorisico van alle dochterondernemingen van de Groep wordt centraal beheerd door de Groepsdienst Thesaurie in overeenstemming met de doelstellingen en regels die door het management vastgelegd werden. Het is de politiek van de Groep om geen speculatieve transacties of transacties met een hefboomeffect aan te gaan.

Derivaten worden initieel opgenomen en ook nadien gewaardeerd tegen reële waarde. De reële waarde van verhandelde derivaten is hun marktwaarde. Indien er geen marktwaarde beschikbaar is, wordt de reële waarde berekend op basis van gekende financiële waarderingsmodellen, gebaseerd op relevante marktkoersen op de balansdatum.

De Groep past hedge accounting toe in overeenstemming met IAS 39 om de volatiliteit in de winsten-verliesrekening te beperken. Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico wordt een onderscheid gemaakt tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten.

Reëlewaardeafdekkingen zijn afdekkingen van het risico van veranderingen in de reële waarde van opgenomen activa en verplichtingen. De derivaten die aangemerkt werden als reëlewaardeafdekkingen worden gewaardeerd tegen reële waarde, en de waardering van hun afgedekte posities (activa of verplichtingen) wordt aangepast voor wijzigingen in reële waarde ten gevolge van het afgedekte risico. De overeenkomstige veranderingen in reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening. Wanneer een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting stopgezet en wordt de aanpassing aan de boekwaarde van het afgedekte rentedragende financieel instrument gradueel opgenomen in de winst-en-verliesrekening tot op de vervaldag van de afgedekte positie.

Kasstroomafdekkingen zijn afdekkingen van de variabiliteit van toekomstige kasstromen die verband houden met opgenomen activa of verplichtingen, zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transacties, of het valutarisico op nietopgenomen vaststaande toezeggingen. Veranderingen in de reële waarde van een afdekkingsinstrument dat voldoet als zeer effectieve kasstroomafdekking worden in het eigen vermogen opgenomen, meer bepaald in de afdekkingsreserve. Het niet-effectieve deel ervan wordt onmiddellijk in de winst-en-verliesrekening opgenomen. Ingeval de afgedekte kasstroom resulteert in de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting, worden de voorheen in het eigen vermogen opgenomen gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt uit het eigen vermogen en opgenomen in de initiële waardering van de kostprijs of de boekwaarde van het actief of de verplichting. Bij alle andere kasstroomafdekkingen worden de gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt van de afdekkingsreserve naar de winst-en-verliesrekening op het ogenblik dat de afgedekte vaststaande toezegging of de voorziene transactie resulteert in het opnemen van een winst of een verlies. Zodra een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting prospectief stopgezet. In dit geval blijven de gecumuleerde winsten en verliezen op het afdekkingsinstrument opgespaard in het eigen vermogen tot de toegezegde of voorziene transactie zich voordoet. Wanneer verwacht wordt dat een voorziene transactie zich niet meer zal voordoen, worden de gecumuleerde winsten en verliezen overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening.

Indien een netto-investering in een buitenlandse entiteit wordt afgedekt, worden alle winsten en verliezen met betrekking tot het effectieve deel van het afdekkingsinstrument, samen met de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van de afgedekte investering, onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen. Winsten en verliezen op het

Bekaert Jaarverslag 2014 Financieel Overzicht 19

niet-effectieve deel worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De gecumuleerde winsten en verliezen als gevolg van de herwaardering van het afdekkingsinstrument die voorheen werden opgenomen in het eigen vermogen en de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van het afgedekte instrument worden enkel opgenomen in de winst-enverliesrekening bij afstoting van de investering.

Om te voldoen aan de vereisten in IAS 39 met het oog op de toepassing van hedge accounting, documenteert de Groep – bij het aangaan van de afdekking – de strategie en het doel van de afdekking, de relatie tussen het financieel instrument dat wordt gebruikt als afdekking en de afgedekte positie, en de verwachte (prospectieve) effectiviteit. De effectiviteit van bestaande afdekkingen wordt elk kwartaal opnieuw beoordeeld. Voor niet-effectieve afdekkingen wordt de hedge accounting onmiddellijk stopgezet.

De Groep maakt ook gebruik van derivaten die niet voldoen aan de voorwaarden voor hedge accounting in IAS 39, maar als effectieve economische afdekkingen fungeren volgens het risicobeheer van de Groep. Wijzigingen in de reële waarde van dergelijke derivaten worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening.

Bijzondere waardevermindering van activa

Goodwill, immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, worden minstens jaarlijks getoetst op bijzondere waardevermindering. Andere materiële en immateriële vaste activa worden getoetst op bijzondere waardevermindering zodra bepaalde gebeurtenissen of gewijzigde omstandigheden erop wijzen dat hun boekwaarde misschien niet meer kan gerealiseerd worden. Een bijzondere waardevermindering wordt opgenomen in de winsten-verliesrekening wanneer en in de mate dat de boekwaarde van een actief hoger is dan zijn realiseerbare waarde (zijnde het hoogste van de reële waarde min verkoopkosten en de bedrijfswaarde). De reële waarde min verkoopkosten is de te verwachten opbrengst uit een niet-gedwongen verkoop van een actief tussen goed geïnformeerde, onafhankelijke partijen, verminderd met de verkoopkosten. De bedrijfswaarde is de contante waarde van de verwachte kasstromen uit het gebruik van een actief. Realiseerbare waarden worden geraamd voor individuele activa, of – indien dit niet mogelijk is – voor de kleinste kasstroomgenererende eenheid waartoe de activa behoren. Bijzondere waardeverminderingen opgenomen in vroegere boekjaren worden teruggenomen via de winst-en-verliesrekening wanneer er een aanwijzing is dat de vroeger opgenomen bijzondere waardeverminderingen weggevallen of gedaald zijn. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill worden echter nooit teruggenomen.

2.4. Elementen van de winsten-verliesrekening

Opname van opbrengsten

Opbrengsten worden opgenomen als het waarschijnlijk is dat de economische voordelen met betrekking tot een transactie naar de entiteit zullen vloeien en als het bedrag van de opbrengsten op een betrouwbare manier gemeten kan worden. Omzet wordt opgenomen na aftrek van omzetbelastingen en kortingen. Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden opgenomen als de levering en ook de volledige overdracht van risico's en voordelen plaatsgevonden heeft. Opbrengsten uit hoofde van onderhanden projecten in opdracht van derden worden opgenomen in verhouding tot het stadium van afwerking als ze op een betrouwbare manier gemeten kunnen worden. Wanneer het resultaat van een onderhanden project in opdracht van derden niet op een betrouwbare manier geschat kan worden, worden enkel opbrengsten opgenomen ten belope van de kosten die waarschijnlijk gerecupereerd zullen worden. In de periode dat het vast komt te staan dat er een verlies zal ontstaan uit de afwerking van het contract, wordt het volledige bedrag van het geraamde finale verlies ten laste van de winst-enverliesrekening genomen. Er worden geen opbrengsten opgenomen in verband met ruiltransacties indien het gaat om een uitwisseling van gelijkaardige goederen of diensten. Rente wordt opgenomen op een tijdsbasis die het effectieve rendement op het actief weerspiegelt. Royalty's worden opgenomen op basis van het toerekeningsprincipe volgens de bepalingen van de overeenkomst. Dividenden worden opgenomen op het ogenblik dat het recht van de aandeelhouder op ontvangst vastgelegd is.

Eenmalige opbrengsten en kosten

Bedrijfsopbrengsten en -kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afstoting van activiteiten, milieuvoorzieningen of andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben, worden gerapporteerd in de winsten-verliesrekening als eenmalige opbrengsten en kosten. Herstructureringsprogramma's omvatten voornamelijk ontslagvergoedingen, winsten en verliezen op verkoop en bijzondere waardeverminderingen van activa die betrokken zijn in een sluiting, belangrijke reorganisatie of delocatie van operaties. Indien niet verbonden met herstructureringsprogramma's, worden bijzondere waardeverminderingen enkel bestempeld als eenmalige kosten als zij het gevolg zijn van toetsen op kasstroomgenererende eenheden of van transfers binnen de Groep. Als eenmalige opbrengsten en kosten met betrekking tot bedrijfscombinaties gelden: negatieve goodwill, winsten en verliezen bij gefaseerde overname, en overboekingen van gecumuleerde omrekeningsverschillen op het belang dat voorheen aangehouden werd. Eenmalige opbrengsten en kosten

met betrekking tot afgestoten activiteiten zijn winsten en verliezen op de afstoting van activiteiten die niet als beëindigde bedrijfsactiviteiten in aanmerking komen. Deze afgestoten activiteiten kunnen bestaan uit volledige, of onderdelen (groepen activa) van, dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Naast milieuprovisies bestaan de overige gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben voornamelijk uit rampen, verkopen van vastgoed en belangrijke rechtszaken. Bekaert is van mening dat de afzonderlijke presentatie van eenmalige opbrengsten en kosten essentieel is voor de lezers van de jaarrekening die vergelijkbare cijfers wensen te analyseren.

2.5. Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen

Het overzicht van het volledig perioderesultaat presenteert een overzicht van alle opbrengsten en kosten die opgenomen werden hetzij in de winst-enverliesrekening hetzij in het eigen vermogen. Volgens IAS 1 'Presentatie van de jaarrekening' kan een entiteit kiezen voor ofwel één enkel overzicht van het volledig perioderesultaat ofwel twee overzichten, namelijk een winst-en-verliesrekening onmiddellijk gevolgd door een overzicht van het volledig perioderesultaat. De Groep heeft voor de tweede mogelijkheid geopteerd. Als gevolg van de presentatie van een overzicht van het volledig perioderesultaat beperkt de inhoud van het mutatieoverzicht van het eigen vermogen zich tot wijzigingen die verband houden met het aandeelhouderschap.

2.6. Diverse

Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten

Een vast actief, of een groep activa die wordt afgestoten, wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer de boekwaarde hoofdzakelijk gerealiseerd zal worden via een verkooptransactie eerder dan door het te blijven gebruiken. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop heel waarschijnlijk geacht wordt en als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) klaar is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat. Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van een entiteit die ofwel afgestoten is ofwel geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt en zowel operationeel als voor de financiële verslaggeving onderscheiden kan worden van de rest van de entiteit.

Er kan pas sprake zijn van een zeer waarschijnlijke verkoop als de entiteit zich verbonden heeft tot een plan voor de verkoop van het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) en als een operationeel plan opgestart is om een koper te vinden en het plan tot een goed einde te brengen. Bovendien moet de verkoop van het actief (of van de groep activa die wordt afgestoten) actief gepromoot worden tegen een redelijke prijs in verhouding tot zijn huidige reële waarde en dient de verkoopovereenkomst naar verwachting afgesloten te worden binnen het jaar na de classificatiedatum. Activa die geclassificeerd zijn als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen reële waarde na aftrek van verkoopkosten als deze lager is dan de boekwaarde. Een eventueel overschot van de boekwaarde tegenover de reële waarde na aftrek van verkoopkosten wordt afgeboekt als een bijzondere waardevermindering. Zodra activa geclassificeerd worden als aangehouden voor verkoop worden ze niet langer afgeschreven. Vergelijkende balansinformatie voor voorgaande perioden wordt niet herwerkt om de nieuwe classificatie in de balans te weerspiegelen.

Voorwaardelijke activa en verplichtingen

Voorwaardelijke activa worden niet opgenomen in de balans, maar worden opgenomen in de toelichtingen wanneer een instroom van economische voordelen waarschijnlijk is. Tenzij zij uit een bedrijfscombinatie ontstaan zijn, worden voorwaardelijke verplichtingen niet opgenomen in de balans maar vermeld in de toelichtingen, tenzij de kans op een verlies gering is.

Gebeurtenissen na balansdatum

Gebeurtenissen na balansdatum die bijkomende informatie verschaffen omtrent de situatie van de onderneming op balansdatum (adjusting events) worden verwerkt in de jaarrekening. Andere gebeurtenissen na balansdatum (non-adjusting events) worden enkel vermeld in de toelichtingen als ze belangrijk geacht worden.

3. Cruciale beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden

Bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep is het management genoodzaakt om beoordelingen, schattingen en veronderstellingen over de boekwaarde van activa en verplichtingen te maken die niet onmiddellijk beschikbaar zijn uit enigerlei bronnen. Deze beoordelingen, schattingen en veronderstellingen worden voortdurend opnieuw geëvalueerd.

3.1. Cruciale beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving

Hierna volgen de cruciale beoordelingen, met uitzondering van deze die bestaan uit schattingen (zie toelichting 3.2.) die een belangrijke invloed hebben op de gerapporteerde bedragen in deze geconsolideerde jaarrekening.

  • Het management is van oordeel dat er een feitelijke verplichting bestaat om te voorzien in brugpensioenregelingen voor zijn werknemers vanaf de eerste dag dat zij in dienst zijn (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen') en bijgevolg worden brugpensioenregelingen verwerkt als toegezegdpensioenregelingen volgens de projected unit credit-methode.
  • Het management is van oordeel dat er niet voldaan werd aan de voorwaarden om uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling op te nemen in de balans (zie toelichting 6.1. 'Immateriële activa').
  • Het management is van oordeel dat de functionele valuta van Bekaert Izmit Celik Kord Sanayi ve Ticaret AS (Turkije) de euro is, en dat dit in overeenstemming is met de huidige economische context van de transacties die relevant zijn voor deze onderneming. Om de zelfde redenen is het management van oordeel dat de functionele valuta van Productos de Acero Cassadó SA (Peru) de US dollar is.
  • Met betrekking tot de activiteiten in Venezuela, heeft het management besloten om vanaf 31 december 2012 de economische wisselkoers te gebruiken om de in VEF uitgedrukte jaarrekeningen te vertalen naar de presentatievaluta in consolidatie. In het licht van de beperkingen op dividendrepatriatie voor buitenlandse investeerders sinds 2009, en gezien de aanhoudende spectaculaire verzwakking van de economische wisselkoers (van 78.2 VEF/EUR op jaareinde 2013 tot 108.6 VEF/EUR op jaareinde 2014), in combinatie met

inflatieboekhouding, acht het management dit de beste keuze om een realistisch beeld van de bijdrage van de Venezolaanse operaties tot de geconsolideerde jaarrekening weer te geven. Wegens de steeds toenemende complexiteit van de wisselkoersregulering in Venezuela gebruikt Vicson SA vier wisselkoersen om haar transacties in vreemde valuta te verwerken, afhankelijk van het wisselkoerssysteem waaronder USdollaraanvragen werden ingediend of verwacht worden te worden afgewikkeld: (1) de officiële CADIVI- of CENCOEX-koers (6.3 VEF/USD), (2) de SICAD I koers (11.3 VEF/USD op jaareinde 2014), (3) de SICAD II-koers (50 VEF/USD op jaareinde 2014) en (4) de economische wisselkoers (89 VEF/USD op jaareinde 2014) voor alle andere transacties. Ondanks de politieke en monetaire instabiliteit oordeelde het management dat er geen reden is om zijn Venezolaanse entiteiten te deconsolideren. Per jaareinde 2014 bedroegen de gecumuleerde omrekeningsverschillen € -38,3 miljoen die, bij verlies van de zeggenschap, zouden overgeboekt worden naar de winst-en-verliesrekening.

  • Het management is van oordeel dat Bekaert, gezien haar deelnemingspercentage van 13,0% op jaareinde 2014, geen invloed van betekenis heeft in Shougang Concord Century Holdings Ltd en verwerkt daarom deze deelneming als een financieel vast actief beschikbaar voor verkoop tegen reële waarde via eigen vermogen. Aangezien een aanzienlijke of langdurige daling in reële waarde een objectieve aanwijzing vormt voor een bijzondere waardevermindering, is het management overeengekomen om elke daling in reële waarde (a) die meer dan 30% van de kost bedraagt als aanzienlijk te beschouwen en (b) die langer dan een jaar aanhoudt als langdurig te beschouwen.
  • Het management is van oordeel dat de onderneming de zeggenschap heeft over Bekaert Ansteel Tire Cord (Chongqing) Co Ltd en consolideert daarom deze entiteit.
  • Het management is van oordeel dat de Onderneming de zeggenschap heeft over Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA, omwille van de aandelenoptieclausules waartoe de partijen zich verbonden hebben.
  • Gezien haar wereldwijde aanwezigheid is Bekaert blootgesteld aan belastingrisico's in vele rechtsgebieden. Belastingautoriteiten in deze rechtsgebieden voeren geregeld belastingcontroles uit die kunnen leiden tot belastingbetwistingen. Hoewel de uitkomst van dergelijke belastingcontroles onzeker is, is het management ervan overtuigd dat Bekaert, op basis van een globale evaluatie van potentiële belastingverplichtingen, voldoende belastingverplichtingen opgenomen heeft in haar geconsolideerde

jaarrekening.

  • Wat betreft toegezegdebijdragenregelingen in België die wettelijk onderworpen zijn aan gegarandeerde minimumrendementen, is het management van oordeel dat deze niet moeten verwerkt worden als toegezegdpensioenregelingen. Tevens rekening houdend met de onzekere toekomstige evolutie van de gegarandeerde minimumrendementen in België, heeft de onderneming gekozen voor een retrospectieve aanpak waarbij de nettoverplichting opgenomen in de balans is gebaseerd op de som van de positieve verschillen, bepaald per individuele plandeelnemer, tussen de gegarandeerde minimumreserves en de gecumuleerde bijdragen op basis van de werkelijke rendementen op de balansdatum (d.i. de nettoverplichting is, in voorkomend geval, gebaseerd op het deficit tegen intrinsieke waarde). Het belangrijkste verschil tussen deze retrospectieve benadering en de prospectieve projected unit credit-methode is dat vergoedingsverplichtingen niet berekend worden als de verdisconteerde waarde van de geschatte toekomstige vergoedingen op basis van de verstreken dienstjaren.

3.2. Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden

Hierna volgt een overzicht van de belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en de belangrijkste andere bronnen van schattingsonzekerheden op het einde van de verslagperiode die een risico inhouden op beduidende aanpassingen aan de boekwaarden van activa en verplichtingen in de komende verslagperiode.

  • Uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot ongebruikte overgedragen fiscale verliezen, fiscaal verrekenbare tegoeden en tijdelijke verschillen worden maar opgenomen in zoverre het waarschijnlijk is dat er binnen afzienbare tijd belastbare winst zal zijn. Bij zijn inschatting neemt het management elementen in overweging als langetermijnstrategie en opportuniteiten voor belastingplanning (zie toelichting 6.6. 'Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen').
  • Op basis van de verwachte economische levensduur van welbepaalde productlijnen die verwacht wordt beduidend lager te zijn dan het gemiddelde, worden hogere afschrijvingspercentages toegepast voor specifieke activa waarvan niet verwacht wordt dat deze toegewezen zullen worden aan een andere productlijn. Bijgevolg worden voor bepaalde installaties, machines en uitrusting afschrijvingspercentages toegepast gaande van 10% tot 25% in plaats van 8%. Testapparatuur voor onderzoek en ontwikkeling gericht op specifieke productlijnen wordt ook afgeschreven tegen 25% per jaar, terwijl alle andere testapparatuur voor onderzoek en ontwikkeling tegen 16,7% per jaar afgeschreven wordt.

  • Kredietrisico met betrekking tot klanten: het management volgt de uitstaande handelsvorderingen van dichtbij op, rekening houdend met de inningsachterstand, de betalingshistoriek en de afdekkingsgraad van kredietrisico's. Specifieke en algemene provisies voor dubieuze debiteuren worden opgenomen op basis van beste schattingen door het management op de balansdatum (zie toelichting 6.7. 'Operationeel werkkapitaal').

  • Voorzieningen voor personeelsbeloningen: de toegezegdpensioenverplichtingen zijn gebaseerd op actuariële veronderstellingen zoals de disconteringsvoet en salarisverhogingen, die uitgebreid aan bod komen in toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen'.
  • Voorzieningen voor milieuproblemen: op elk jaareinde wordt een schatting gemaakt van de toekomstige kosten met betrekking tot het wegwerken van bodemverontreiniging op basis van het advies van een externe deskundige (zie toelichting 6.16. 'Overige voorzieningen').
  • Bijzondere waardeverminderingen: de Groep voert jaarlijks bijzondere waardeverminderingstoetsen uit op goodwill en op kasstroomgenererende eenheden waarvoor er aanwijzingen zijn dat de nettoboekwaarde misschien hoger is dan de realiseerbare waarde. Deze analyse is gebaseerd op veronderstellingen zoals marktevolutie, marktaandeel, marge-evolutie en disconteringsvoet (zie toelichting 6.2. 'Goodwill').
  • Overeenkomstig de Chinese belastingwetgeving en -regulering wordt aan bepaalde entiteiten van de Groep die genieten van investeringssubsidies in de vorm van verlaagde belastingtarieven, een graduele overgang naar het normale belastingtarief toegestaan, gespreid over een periode van vijf jaar. Op basis van de gangbare praktijk is het management van oordeel dat de investeringen voldoen aan de criteria voor deze belastingtegemoetkoming. Mocht de regulering of praktijk inzake deze materie echter wijzigen, dan kan de onderneming genoodzaakt zijn om haar belastingverplichtingen en -voorzieningen te herzien.
  • Reëlewaardeaanpassingen naar aanleiding van bedrijfscombinaties: in overeenstemming met IFRS 3, 'Bedrijfscombinaties', herwaardeert Bekaert de activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen verworven bij een bedrijfscombinatie tegen reële waarde. Ook de overnamevergoedingen (met inbegrip van vergoedingen in aandelen), voorwaardelijke overnamevergoedingen en eventuele belangen in de overgenomen partij voorafgaand aan de bedrijfscombinatie worden tegen reële waarde gewaardeerd. Bij het verwerven van een invloed van betekenis in een geassocieerde onderneming of gezamenlijke zeggenschap in een joint venture herwaardeert Bekaert ook het aandeel in de overgenomen activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van een joint venture of geassocieerde onderneming tegen reële waarde op de overnamedatum. Waar mogelijk worden reëlewaardeaanpassingen

gebaseerd op schattingen en waarderingsmodellen van derden, bijvoorbeeld voor voorwaardelijke verplichtingen en immateriële activa die niet in de balans van de overgenomen partij opgenomen waren. Vaak worden interne maatstaven gebruikt voor het waarderen van specifieke productie-uitrusting. Bij elk van deze waarderingsmethoden worden assumpties gebruikt zoals verwachte toekomstige kasstromen, resterende gebruiksduur enz.

  • In het licht van de geopolitieke situatie in Rusland, die een aanwijzing voor een bijzondere waardevermindering vormt, heeft het management op de activa van zijn Russische activiteiten een bijzondere waardevermindering van € 4,2 miljoen geboekt .
  • Reëlewaardebepalingen die niet volledig op waarneembare marktgegevens gebaseerd kunnen worden, vergen inschattingen die de geschatte reële waarde beïnvloeden. Het gaat hier om de optie inherent aan de converteerbare obligatie uitgegeven in juni 2014 en de put optie toegekend aan Maccaferri voor hun minderheidsbelangen in Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA.
  • Belastingvordering (ICMS) in Brazilië: de inbaarheid van de belastingvorderingen van Belgo Bekaert Arames Ltda en BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda wordt zeer waarschijnlijk geacht aangezien verschillende actieplannen reeds met succes uitgevoerd zijn. Voor andere belastingvorderingen in Brazilië, onder meer voor betwistingen aangaande de belastbaarheid van ICMStegemoetkomingen toegekend aan Belgo Bekaert Arames Ltda, werd op basis van juridisch advies geen voorziening aangelegd (zie toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen').

4. Segmentrapportering

De Groep maakt gebruik van een geografische segmentatie, aangezien dit de beste voorstelling is om de betrokkenen de aard en het financiële profiel van de activiteiten te laten evalueren en begrijpen op een transparante manier. De segmentatie reflecteert het belang van de regio's overeenkomstig de globale groeistrategie van de onderneming.

De regionale activiteiten van de onderneming worden typisch gekenmerkt door gemeenschappelijke cost drivers, een productassortiment dat gericht is op de behoeften van de regionale industrie en specifieke distributiekanalen. Zij onderscheiden zich duidelijk van elkaar op het vlak van politieke, economische en valutarisico's, in termen van geografische markttrends en groeipatronen. Deze segmentatie wint nog aan relevantie doordat de onderneming de overgrote meerderheid van haar producten verkoopt binnen de regio waar zij geproduceerd worden. In overeenstemming met IFRS 8 werden vier segmenten gedefinieerd die de aanwezigheid van de onderneming in de vier voornaamste regio's weerspiegelen:

  • 1) EMEA Europa, het Midden-Oosten en Afrika: 33% van de geconsolideerde omzet (2013: 33%)
  • 2) Noord-Amerika: 17% van de geconsolideerde omzet (2013: 17%)
  • 3) Latijns-Amerika: 20% van de geconsolideerde omzet (2013: 20%)
  • 4) Pacifisch Azië: 30% van de geconsolideerde omzet (2013: 30%)

Kerngegevens per rapporteringssegment

Enkel de elementen van het kapitaalgebruik (immateriële activa, goodwill, materiële vaste activa en de elementen van het operationeel werkkapitaal) worden toegewezen aan de verscheidene segmenten. Alle andere activa en verplichtingen worden gerapporteerd als 'niet-toegewezen activa en verplichtingen'. 'Groep & Business support' omvat voornamelijk de functionele eenheid groepstechnologie en niet-doorgerekende kosten voor groepsmanagement en -diensten; het is geen rapporteerbaar segment op zich. De geografische segmentatie is gebaseerd op de locatie van de Bekaert-entiteiten en niet op de locatie van hun klanten. Omdat Bekaert als strategie heeft om zo dicht mogelijk bij de klanten te gaan produceren, worden de meeste klanten bediend door Bekaert-entiteiten in hun eigen regio. Eventuele verkopen tussen segmenten gebeuren tegen prijzen die beantwoorden aan het arm's length principe.

Groep &
2014 Noord Latijns Pacifisch Business Sluit Geconsoli
in duizend € EMEA Amerika Amerika Azië support posten deerd
Netto-omzet 1 063 846 554 698 631 287 965 883 - - 3 215 714
Bedrijfsresultaat vóór eenmalige
opbrengsten en kosten (REBIT) 114 418 20 045 26 069 63 005 -60 987 1 857 164 407
Eenmalige opbrengsten en
kosten 1 816 7 882 7 944 -9 320 -1 475 - 6 847
Bedrijfsresultaat (EBIT) 116 234 27 927 34 013 53 685 -62 462 1 857 171 254
Afschrijvingen en
waardeverminderingen 43 883 9 476 16 739 93 906 14 545 -13 938 164 611
Bijzondere
waardeverminderingen 4 974 226 - 11 762 - - 16 962
Negatieve goodwill - - -10 893 - - - -10 893
EBITDA 165 091 37 629 39 859 159 353 -47 917 -12 081 341 934
Activa van het segment 876 913 302 759 620 126 1 282 277 159 738 -205 050 3 036 763
Niet-toegewezen activa - - - - - 920 952 920 952
Totaal activa 876 913 302 759 620 126 1 282 277 159 738 715 902 3 957 715
Verplichtingen van het segment 210 683 68 607 111 746 143 744 76 165 -98 166 512 779
Niet-toegewezen verplichtingen - - - - - 1 878 724 1 878 724
Totaal verplichtingen 210 683 68 607 111 746 143 744 76 165 1 780 558 2 391 503
Kapitaalgebruik 666 230 234 152 508 380 1 138 533 83 573 -106 884 2 523 984
Gemiddeld kapitaalgebruik 545 080 210 761 388 466 1 112 720 80 623 -99 180 2 238 470
ROCE1 21,3% 13,3% 8,8% 4,8% - - 7,7%
Investeringsuitgaven materiële
vaste activa 33 421 26 196 31 779 51 190 3 987 -13 789 132 784
Investeringsuitgaven
immateriële activa 33 237 - 1 987 1 882 846 -16 200 21 752
Aandeel in het resultaat van joint
ventures en geassocieerde
ondernemingen - - 26 386 -1 056 - - 25 330
Deelnemingen in joint ventures
en geassocieerde
ondernemingen - - 144 697 11 037 - - 155 734
Aantal medewerkers (einde
jaar)2 6 162 1 606 4 739 9 849 1 771 - 24 127

1 ROCE: Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gemiddeld kapitaalgebruik (Return on Capital Employed).

2 Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten.

Groep &
2013 Noord Latijns Pacifisch Business Sluit Geconsoli
in duizend € EMEA Amerika Amerika Azië support1 posten deerd
Netto-omzet 1 040 171 547 700 644 619 953 138 - - 3 185 628
Bedrijfsresultaat vóór eenmalige
opbrengsten en kosten (REBIT) 87 930 18 603 44 045 77 303 -71 422 9 458 165 917
Eenmalige opbrengsten en
kosten -3 166 -10 896 -40 -4 091 -10 454 - -28 647
Bedrijfsresultaat (EBIT) 84 764 7 707 44 005 73 212 -81 876 9 458 137 270
Afschrijvingen en
waardeverminderingen 46 730 12 190 19 413 75 154 11 188 -13 604 151 071
Bijzondere
waardeverminderingen 1 370 2 153 182 4 945 - - 8 650
EBITDA 132 864 22 050 63 600 153 311 -70 688 -4 146 296 991
Activa van het segment 716 289 244 956 407 301 1 220 697 156 452 -164 351 2 581 344
Niet-toegewezen activa - - - - - 799 113 799 113
Totaal activa 716 289 244 956 407 301 1 220 697 156 452 634 762 3 380 457
Verplichtingen van het segment 188 219 57 586 76 162 133 792 79 155 -72 876 462 038
Niet-toegewezen verplichtingen - - - - - 1 414 543 1 414 543
Totaal verplichtingen 188 219 57 586 76 162 133 792 79 155 1 341 667 1 876 581
Kapitaalgebruik 528 070 187 370 331 139 1 086 905 77 297 -91 475 2 119 306
Gemiddeld kapitaalgebruik 554 379 202 847 356 900 1 151 915 76 522 -95 366 2 247 196
ROCE1 15,3% 3,8% 12,3% 6,4% - - 6,1%
Investeringsuitgaven materiële
vaste activa 25 699 8 567 18 157 46 531 22 471 -26 788 94 637
Investeringsuitgaven
immateriële activa 1 114 - 464 214 484 -100 2 176
Aandeel in het resultaat van joint
ventures en geassocieerde
ondernemingen 15 - 30 041 188 - - 30 244
Deelnemingen in joint ventures
en geassocieerde
ondernemingen 102 - 144 534 11 202 - - 155 838
Aantal medewerkers (einde
jaar)2 5 146 1 547 3 998 9 389 1 710 - 21 790

1 ROCE: Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gemiddeld kapitaalgebruik (Return on Capital Employed).

2 Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten. De volgende tabel bevat bijkomende informatie omtrent de bedragen in de kolom 'Sluitposten' in de voorgaande tabel:

Sluitposten
in duizend € 2013 2014
Bedrijfsresultaat (EBIT)
Immateriële activa -10 -
Materiële vaste activa -6 808 -11 873
Voorraden 2 672 -208
Intersegmentmarge-eliminaties -4 146 -12 081
Immateriële activa -4 -6
Materiële vaste activa -13 600 -13 932
Afschrijvingen en waardeverminderingen m.b.t. intersegmentmarge-eliminaties -13 604 -13 938
Immateriële activa -6 6
Materiële vaste activa 6 792 2 059
Voorraden 2 672 -208
EBIT: intersegmentmarge-eliminaties na afschrijvingen en waardeverminderingen 9 458 1 857
Activa van het segment
Immateriële activa -346 -16 540
Materiële vaste activa -86 876 -82 962
Voorraden -4 253 -6 336
Handelsvorderingen -72 863 -99 204
Betaalde voorschotten -13 -8
Intersegmenteliminaties op activa-elementen van kapitaalgebruik -164 351 -205 050
Niet-toegewezen activa
Activa niet opgenomen in kapitaalgebruik 799 113 920 952
Verplichtingen van het segment
Handelsschulden -72 863 -98 158
Ontvangen voorschotten -13 -8
Intersegmenteliminaties op passiva-elementen van kapitaalgebruik -72 876 -98 166
Niet-toegewezen verplichtingen
Verplichtingen niet opgenomen in kapitaalgebruik 1 414 543 1 878 724
Kapitaalgebruik
Eliminaties op activa van het segment -164 351 -205 050
- Eliminaties op verplichtingen van het segment 72 876 98 166
Intersegmenteliminaties op elementen van kapitaalgebruik -91 475 -106 884
Investeringsuitgaven materiële vaste activa
Intersegmentmarge-eliminaties op materiële vaste activa -26 788 -13 789
Aanpassingen op investeringsuitgaven materiële vaste activa -26 788 -13 789
Investeringsuitgaven immateriële activa
Intersegmentmarge-eliminaties op immateriële activa -100 -16 200
Aanpassingen op investeringsuitgaven immateriële activa -100 -16 200

Omzet per productlijn

verschil
in duizend € 2013 2014 (%)
Netto-omzet
Rubberversterkingsproducten 1 206 510 1 205 565 -0,1%
Andere staaldraadproducten 1 788 174 1 851 473 3,5%
Roestvaste producten 180 634 143 494 -20,6%
Overige 10 310 15 182 47,3%
Totaal 3 185 628 3 215 714 0,9%

Rubberversterkingsproducten omvatten staalkoord voor banden, hieldraad, slangendraad, transportbandkoord en staalkoordweefsel. Andere staaldraadproducten omvatten industriële en gespecialiseerde staaldraden (met inbegrip van roestvrije draden), bouwproducten, staalkabels en zaagdraad. Roestvaste producten omvatten vezels en verbrandingstechnologieproducten voor verwarmings- en droogsystemen. In 2014 werden de roestvrije draden verplaatst van roestvrije producten naar gespecialiseerde staaldraden.

Alle productgroepen worden in alle segmenten verkocht. De productmix is vrij gelijklopend in EMEA en Noord-Amerika, terwijl in Pacifisch Azië rubberversterkingsproducten overheersen en in Latijns-Amerika andere staaldraadproducten het grootste deel van de activiteit uitmaken.

Bijkomende informatie per land

De tabel hieronder toont het relatief gewicht van België (land waar de onderneming is gevestigd), Chili, China en de Verenigde Staten in termen van omzet en vaste activa (immateriële activa, goodwill en materiële vaste activa).

% van % van
in duizend € 2013 totaal 2014 totaal
Netto-omzet vanuit België 275 287 9% 290 236 9%
Netto-omzet vanuit Chili 307 099 10% 282 441 9%
Netto-omzet vanuit China 685 564 22% 680 904 21%
Netto-omzet vanuit de VS 465 395 15% 495 412 15%
Netto-omzet vanuit andere landen 1 452 283 46% 1 466 721 46%
Totaal netto-omzet 3 185 628 100% 3 215 714 100%
Vaste activa gelokaliseerd in België 90 371 7% 108 678 7%
Vaste activa gelokaliseerd in Chili 97 603 7% 100 852 7%
Vaste activa gelokaliseerd in China 565 266 43% 581 896 38%
Vaste activa gelokaliseerd in de VS 66 684 5% 91 876 6%
Vaste activa gelokaliseerd in andere landen 506 546 38% 666 071 42%
Totaal vaste activa 1 326 470 100% 1 549 373 100%

5. Elementen van de winst-en-verliesrekening en het volledig perioderesultaat

5.1. Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie

in duizend € 2013 2014 verschil
Omzet 3 185 628 3 215 714 30 086
Kostprijs van verkopen -2 703 316 -2 729 995 -26 679
Marge op omzet 482 312 485 719 3 407
Commerciële kosten -128 207 -138 126 -9 919
Administratieve kosten -124 924 -126 894 -1 970
Kosten voor onderzoek en ontwikkeling -62 429 -59 261 3 168
Andere bedrijfsopbrengsten 12 502 21 978 9 476
Andere bedrijfskosten -13 337 -19 009 -5 672
Bedrijfsresultaat vóór eenmalige opbrengsten en kosten (REBIT) 165 917 164 407 -1 510
Eenmalige opbrengsten en kosten -28 647 6 847 35 494
Bedrijfsresultaat (EBIT) 137 270 171 254 33 984
Omzet en marge op omzet
in duizend € 2013 2014 verschil (%)
Omzet 3 185 628 3 215 714 0,9%
Kostprijs van verkopen -2 703 316 -2 729 995 1,0%
Marge op omzet 482 312 485 719 0,7%
Marge op omzet in % van omzet 15,1% 15,1%

De geconsolideerde omzet van Bekaert steeg met 0,9% t.o.v. 2013. De netto-impact van acquisities in het huidige jaar (integratie van de staalkabelactiviteiten in Brazilië en de draadactiviteiten in Costa Rica) en de afstotingen in vorige jaren (geavanceerde filtratie-activiteiten) resulteerden in een stijging van de omzet met 0,5%. De organische omzetgroei van 2,8% werd voornamelijk gerealiseerd in EMEA en Pacifisch Azië. Ongunstige wisselkoersschommelingen (in hoofdzaak CLP) hebben deze organische groei echter bijna volledig tenietgedaan (-2,4%).

De marge op omzet was stabiel in nominale termen. Vergeleken met vorig jaar droegen de organische activiteiten in EMEA en in mindere mate die in Noord-Amerika positief bij tot de marge op omzet. De winst uit organische groei werd gecompenseerd door negatieve wisselkoersschommelingen (€ -12,0 miljoen).

Overheadkosten
in duizend € 2013 2014 verschil (%)
Commerciële kosten -128 207 -138 126 7,7%
Administratieve kosten -124 924 -126 894 1,6%
Kosten voor onderzoek en ontwikkeling -62 429 -59 261 -5,1%
Totaal -315 560 -324 281 2,8%

Naast de impact van de wisselkoersschommelingen heeft de toename van commerciële kosten voornamelijk te maken met de aanzienlijke terugname van de provisies voor dubieuze debiteuren in 2013, terwijl dit niet het geval was in 2014. De toename van de administratieve kosten wordt veroorzaakt door de gemaakte kosten in het kader van acquisities. De kosten voor onderzoek en ontwikkeling zijn afgenomen door meer rendabele projectinitiatieven.

Andere bedrijfsopbrengsten
in duizend € 2013 2014 verschil
Ontvangen royalty's 11 225 10 189 -1 036
Winsten op verkoop van materiële en immateriële vaste activa 457 478 21
Gerealiseerde wisselresultaten op verkopen en aankopen -6 131 2 146 8 277
Overheidssubsidies 2 286 5 084 2 798
Diverse 4 665 4 081 -584
Totaal 12 502 21 978 9 476

Overheidssubsidies hebben voornamelijk betrekking op subsidies in China. Er zijn geen aanwijzingen dat er niet zal kunnen voldaan worden aan de voorwaarden voor deze subsidies en dus ook niet dat de subsidies mogelijk teruggestort moeten worden in de toekomst.

Andere bedrijfskosten
in duizend € 2013 2014 verschil
Verliezen op verkoop van materiële en immateriële vaste activa -991 -1 597 -606
Afschrijvingen op immateriële vaste activa -340 -474 -134
Bankkosten -2 456 -2 475 -19
Aan belastingen gerelateerde kosten (andere dan winstbelastingen) -1 465 -3 112 -1 647
Diverse -8 085 -11 351 -3 266
Totaal -13 337 -19 009 -5 672

De toename van 'Diverse' is hoofdzakelijk het gevolg van bijzondere waardeverminderingen op individuele materiële vaste activa.

Eenmalige opbrengsten en kosten
in duizend € 2013 2014 verschil
Herstructurering - bijzondere waardeverminderingen (a) -1 027 -6 971 -5 944
Herstructurering - overige opbrengsten (b) 3 225 3 673 448
Herstructurering - overige kosten (b) -15 125 -6 289 8 836
Overige bijzondere waardeverminderingen (a) -6 621 -6 853 -232
Winsten bij verkoop van activiteiten 1 231 310 -921
Verliezen bij verkoop van activiteiten (c) -50 -1 474 -1 424
Winsten bij gefaseerde overnames (c) - 1 804 1 804
Negatieve goodwill bij bedrijfscombinaties (c) - 10 893 10 893
Overige opbrengsten (d) 1 481 30 815 29 334
Overige kosten (d) -11 761 -19 061 -7 300
Totaal -28 647 6 847 35 494

Eenmalige opbrengsten en kosten bedroegen € +6,8 miljoen in vergelijking met € -28,6 miljoen vorig jaar.

  • (a) In 2014 werd een netto bijzondere waardevermindering van € -13,8 miljoen geboekt. Dit bedrag omvat de bijzondere waardeverminderingen met betrekking tot de industriële staaldraadactiviteiten in Zuidoost-Azië (Maleisië en Indonesië), de gespecialiseerde staaldraadactiviteit in India en in het kader van de huidige blootstelling aan een economisch en geopolitiek risico in Rusland. Er werden bijzondere waardeverminderingen teruggedraaid met betrekking tot bepaalde productie-uitrusting in China die voorheen overbodig werd geacht, maar opnieuw werd ingezet in 2014.
  • (b) De in 2012 en 2013 aangekondigde herstructurering- en sluitingsprogramma's werden verder doorgevoerd, wat resulteerde in kosten die werden gecompenseerd door de terugname van voorzieningen aangelegd in de voorgaande jaren.
  • (c) In overeenstemming met IFRS 3 (Herzien in 2008) werd de transactie waarbij de Groep de meerderheid van de aandelen in de ArcelorMittal-staaldraadfabriek in Costa Rica verwierf en haar aandeel in de Cimafkabelfabriek in Brazilië verhoogde van 45% naar 100%, verwerkt als een bedrijfscombinatie. Dit resulteerde niet alleen in de opname van een negatieve goodwill, maar ook in de opname van een verlies uit de herclassificatie van gecumuleerde omrekeningsverschillen en een winst bij gefaseerde overname, beide gerelateerd aan het verhoogde aandeelhouderschap in de Cimaf-kabelfabriek.
  • (d) In november werd de fabriek in Rome (Verenigde Staten) getroffen door een brand met als gevolg een verlies van materiële vaste activa en voorraden, aanzienlijke saneringskosten en verliezen door onderbreking van de activiteiten. Aangezien de Groep in 2015 verder kosten zal maken om de getroffen productie opnieuw op te starten, maar IFRS anderzijds vereist dat de geschatte vergoeding door de verzekeringsmaatschappij volledig opgenomen wordt in de boeken van 2014, wordt er een nettowinst gerealiseerd in 2014. De rest van de overige opbrengsten en kosten heeft voornamelijk betrekking op winsten uit de verkoop van vastgoed en de terugname van milieuvoorzieningen vooral wegens de overdracht van de milieusaneringsverplichtingen aan de koper.

5.2. Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten

De onderstaande tabel levert bijkomende informatie over de toewijzing van de voornaamste componenten van het bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van de opbrengsten en kosten.

in duizend € 2013 2014
Omzet 3 185 628 100% 3 215 714 100%
Eenmalige opbrengsten 5 937 - 47 495 -
Andere bedrijfsopbrengsten 12 502 - 21 978 -
Totaal bedrijfsopbrengsten 3 204 067 - 3 285 187 -
Zelfgeproduceerde materiële vaste activa 31 636 1,0% 48 800 1,5%
Grondstoffen -1 209 885 -38,0% -1 242 818 -38,6%
Halfproducten en handelsgoederen -218 430 -6,9% -246 866 -7,7%
Voorraadwijziging goederen in bewerking en gereed product 9 757 0,3% 38 795 1,2%
Personeelskosten -603 619 -18,9% -610 121 -19,0%
Afschrijvingen en waardeverminderingen -151 071 -4,7% -164 610 -5,1%
Bijzondere waardeverminderingen -8 650 -0,3% -16 962 -0,5%
Vervoer- en verhandelingskosten gereed product -136 104 -4,3% -151 649 -4,7%
Hulpstoffen en wisselstukken -204 889 -6,4% -219 200 -6,8%
Kosten voor nutsvoorzieningen -211 686 -6,6% -219 001 -6,8%
Onderhouds- en herstellingskosten -42 460 -1,3% -52 430 -1,6%
Uitgaven voor operationele leasing -20 124 -0,6% -20 406 -0,6%
Commissies in commerciële kosten -4 718 -0,1% -3 414 -0,1%
Douane en accijnzen -26 852 -0,8% -28 842 -0,9%
ICT-kosten -23 890 -0,7% -25 074 -0,8%
Reclame- en promotiekosten -6 085 -0,2% -6 792 -0,2%
Reis-, restaurant- en hotelkosten -31 427 -1,0% -33 760 -1,0%
Consultancy en overige honoraria -20 078 -0,6% -25 725 -0,8%
Kantoorbenodigdheden en -uitrusting -11 327 -0,4% -11 425 -0,4%
Durfkapitaalfondsen O&O -1 422 0,0% -982 0,0%
Tijdelijke of externe personeelskosten -18 160 -0,6% -20 696 -0,6%
Verzekeringskosten -4 349 -0,1% -6 459 -0,2%
Diverse bedrijfskosten -152 962 -4,8% -94 296 -2,9%
Totaal bedrijfskosten -3 066 797 -96,3% -3 113 933 -96,8%
Bedrijfsresultaat (EBIT) 137 270 4,3% 171 254 5,3%

5.3. Renteopbrengsten en -lasten

in duizend € 2013 2014
Renteopbrengsten van financiële activa niet geclassificeerd als tegen RWVR 6 449 5 291
Renteopbrengsten 6 449 5 291
Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als tegen RWVR -55 770 -54 801
Overige schuldgerelateerde rentelasten -8 645 -7 336
Rentelasten -64 415 -62 137
Rentegedeelte van rentedragende voorzieningen -5 739 -6 078
Rentelasten -70 154 -68 215
Totaal -63 705 -62 924

Ondanks het feit dat de financiële schulden zijn toegenomen met € 355 miljoen zijn de rentelasten op hetzelfde niveau gebleven, dit door een lagere gemiddelde rentevoet op de financiële schulden. Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als tegen reële waarde via het resultaat (RWVR) hebben betrekking op alle schuldinstrumenten van de groep, met uitzondering van afdekkingsinstrumenten, afgedekte items en renterisicobeperkende derivaten aangemerkt als economische afdekkingen.

Het rentegedeelte van rentedragende voorzieningen heeft voornamelijk betrekking op de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen') en op de geboekte voorzieningen voor bedrijfscombinaties met ArcelorMittal (€ 0,6 miljoen) en Maccaferri (€ 0,1 miljoen).

5.4. Overige financiële opbrengsten en lasten

in duizend € 2013 2014
Waardeaanpassingen van derivaten -1 550 -18 991
Waardeaanpassingen van afgedekte posities -494 4 829
Wisselresultaten op afgedekte posities -2 479 23 749
Nettoimpact van derivaten en afgedekte posities -4 523 9 587
Overige wisselresultaten -12 249 -6 213
Bijzondere waardeverminderingen op financiële activa beschikbaar voor verkoop -1 284 -157
Effecten van inflatieboekhouden 1 814 2 655
Dividenden van niet-geconsolideerde deelnemingen 254 147
Bankkosten en heffingen op financiële transacties -990 -2 877
Bijzondere waardeverminderingen en terugnemingen op leningen en overige vorderingen -1 374 -6 039
Overige -1 470 -833
Totaal -19 822 -3 730

Waardeaanpassingen omvatten de wijzigingen in reële waarde van alle derivaten die niet als kasstroomafdekkingen worden aangemerkt, alsook van schulden die afgedekt zijn door een reëlewaardeafdekking. In 2014 werd een reëlewaardewinst van € 13,4 miljoen opgenomen op de conversieoptie gerelateerd met de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2014 (zie de sectie 'Financiële instrumenten volgens de hiërarchie van reëlewaardebepalingen' in de toelichting 7.3 'Beheer van financiële risico's en derivaten'). De hier getoonde nettoimpact van derivaten en afgedekte posities omvat geen effecten die opgenomen werden in andere elementen van de winst-en-verliesrekening, zoals rentelasten, kostprijs van verkopen of andere bedrijfsopbrengsten en -kosten. Voor meer details betreffende de nettoimpact van derivaten en afgedekte posities, zie toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.

Effecten van inflatieboekhouden hebben betrekking op de Venezolaanse activiteiten. Bankkosten en heffingen op financiële transacties zijn voornamelijk toegenomen in China, Brazilië en België. Er werd een bijzondere waardevermindering van € 5,7 miljoen geboekt op vorderingen van de Venezolaanse overheid. Nadat een bijzondere waardevermindering van € 1,3 miljoen werd opgenomen op de deelneming van de Groep in Shougang Concord Century Holdings Ltd in 2013, werd nogmaals een bijzondere waardevermindering van € 0,2 miljoen geboekt op 30 juni 2014, aangezien de aandelenkoers opnieuw gedaald was op de beurs van Hong Kong. Tegen het einde van het jaar was de aandelenkoers opnieuw gestegen, wat resulteerde in de opname van een reëlewaardewinst van € 1,4 miljoen via het eigen vermogen (zie toelichting 6.5. 'Overige vaste activa').

5.5. Winstbelastingen

2013
in duizend €
2014
Verschuldigde belastingen over het lopend jaar
-60 491
-57 142
Verschuldigde belastingen over de voorbije jaren
-3 890
-135
Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in tijdelijke verschillen
16 532
15 570
Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in belastingvoeten -67 -669
Totale belastinglast
-47 916
-42 376

Verband tussen de totale belastinglast en winst vóór belastingen

In onderstaande tabel wordt met winst vóór belastingen bedoeld: resultaat vóór belastingen.

in duizend € 2013 2014
Winst vóór belastingen 53 743 104 600
Belastinglast op resultaten van fiscale entiteiten tegen de theoretische lokale
belastingvoet van de betrokken landen1 -2 676 -28 857
Belastinglast op de uitkering van overgedragen winsten -11 018 -2 171
Totale theoretische belastinglast -13 694 -31 028
Theoretische belastingvoet -25,5% -29,7%
Belastingimpact van:
Fiscaal niet-aftrekbare uitgaven -16 635 -10 991
Andere belastingvoeten en speciale belastingregimes 4 845 4 766
Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen 2 -14 057 -12 205
Aanwending van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen 14 342 8 566
Belastingen met betrekking tot voorgaande jaren -18 650 -8 687
Fiscaal vrijgestelde inkomsten 2 552 4 589
Overige -6 619 2 614
Totale belastinglast -47 916 -42 376
Werkelijke belastingvoet -89,2% -40,5%

1 De kost voor 2013 is laag omdat de waarde in de toelichting een samenvoeging is van positieve resultaten in landen met een lagere

belastingvoet en negatieve resultaten in landen met een hogere belastingvoet die ten opzichte van elkaar afgezet worden. 2 Niet opgenomen uitgestelde belastingvorderingen hebben voornamelijk betrekking op verliezen in China, Maleisië en Indië.

Andere belastingvoeten en speciale belastingregimes weerspiegelen tijdelijke belastingvrijstellingen en de notionele interestaftrek.

5.6. Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen

Het bedrijfsresultaat van de Braziliaanse joint ventures werd negatief beïnvloed door een kwakkelende Braziliaanse economie. Bijkomende financiële informatie met betrekking tot deze Braziliaanse joint ventures wordt verstrekt onder toelichting 6.4 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen'. De Chinese joint venture met Xinyu Steel heeft nog steeds moeite om een ommezwaai te realiseren en werd getroffen door een afboeking van uitgestelde belastingvorderingen.

in duizend € 2013 2014
Joint ventures
BOSFA Pty Ltd Australië 688 183
Belgo Bekaert Arames Ltda Brazilië 28 515 26 754
BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda Brazilië 1 526 -368
Bekaert Faser Vertriebs GmbH Duitsland 15 -
Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd China -500 -1 240
Totaal 30 244 25 329

5.7. Winst per aandeel

2014 Aantal
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) 57 599 873
Verwateringseffect van uitgegeven warrants en opties 274 966
Verwateringseffect van de converteerbare obligatielening uitgegeven in 2014 1 001 473
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) 58 876 312
Na
in duizend € Basis
berekening
verwaterings
effect
Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep en aan de gewone aandeelhouders 87 176 87 176
Effect van de converteerbare obligatielening uitgegeven in 20141 - -8 668
Winst 87 176 78 508
Winst per aandeel (in €) 1,513 1,333

1 Niet te vermelden als het effect van de converteerbare obligatie antidilutief is, d.i. als het effect zodanig is dat het de winst per aandeel ratio zou verbeteren (zie onder),

De winst per aandeel (earnings per share, 'EPS') is het bedrag van de winst na belastingen toewijsbaar aan elk aandeel. De basisberekening van de winst per aandeel komt overeen met het resultaat van de periode toerekenbaar aan de Groep gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen gedurende het jaar. De winst per aandeel na verwateringseffect weerspiegelt de verplichtingen van de Groep tot het uitgeven van aandelen in de toekomst. In 2014 omvatte dit warrants, opties en de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2014. Warrants en opties zijn slechts dilutief in de mate dat hun uitoefenprijs lager is dan de gemiddelde slotkoers van de periode. Het verwateringseffect van warrants en opties is beperkt tot het gewogen gemiddeld aantal aandelen gebruikt in de noemer van de EPS ratio; er is geen effect op het perioderesultaat dat opgenomen wordt in de teller van de EPS ratio. De converteerbare obligatielening heeft meestal een effect op zowel de noemer als de teller van de EPS ratio. Het verwateringseffect van de converteerbare obligatielening op de winst (te gebruiken in de noemer van de EPS ratio) bestaat uit het terugdraaien van alle opbrengsten en kosten in direct verband met de converteerbare obligatielening en die de 'basis'-winst voor de periode beïnvloed hebben. Volgende elementen van de winst-en-verliesrekening werden beïnvloed door de converteerbare obligatielening:

  • (a) de effectieve rentelast (€ -4,4 miljoen), bestaande uit toegerekende nominale rente (€ -1,2 miljoen) en rentelasten voortkomend uit de waardering tegen geamortiseerde kostprijs (€ -3,2 miljoen),
  • (b) transactiekosten (€ -0.3 miljoen) en
  • (c) reëlewaardewinsten op het derivaat dat de conversie-optie vertegenwoordigt (€ 13,4 miljoen).

De converteerbare obligatielening is antidilutief als ze de EPS ratio na verwateringseffect zou verbeteren, d.i. als de winst per aandeel na verwateringseffect verhoogt of als het verlies per aandeel na verwateringseffect daalt. Om de impact te berekenen, wordt verondersteld dat de dilutieve warrants en opties worden uitgeoefend en dat ook de conversie-optie van de converteerbare obligatielening wordt uitgeoefend in zijn totaliteit bij het begin van

de periode, of, als de instrumenten uitgegeven werden gedurende de periode, op uitgiftedatum. De kenmerken van de conversie-optie zijn van die aard dat enkel de verhoging van de aandelenprijs boven de conversieprijs converteerbaar is in aandelen, en dat Bekaert een call-optie heeft wanneer de aandelenprijs de conversieprijs met 32,5 % overstijgt. Het aantal aandelen dat kan geconverteerd worden, werd op die manier gelimiteerd tot 1 868 033. Bijgevolg werd door het management beslist om het maximum aantal aandelen (1 868 033) dat kan geconverteerd worden, terug in te kopen, om elk verwateringseffect uit de uitgifte van de converteerbare obligatielening tegen te gaan. Het terugkoopprogramma is gestart in juni en voltooid eind september, resulterend in een vermindering van het basis gewogen gemiddeld aantal aandelen met 780 102 en een verhoging van zowel de basiswinst per aandeel als de winst per aandeel na verwateringseffect met € 0,02.

2013 Aantal
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening) 58 519 782
Verwateringseffect van uitgegeven warrants en opties 179 647
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect) 58 699 429
Na
Basis verwaterings
berekening effect
Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep en aan de gewone aandeelhouders
(in duizend €) 24 574 24 574
Winst 24 574 24 574
Winst per aandeel (in €) 0,420 0,419

De gewogen gemiddelde slotkoers tijdens 2014 was € 27,15 per aandeel (2013: € 24,93 per aandeel). De volgende opties en warrants hebben een uitoefenprijs die hoger lag dan de gewogen gemiddelde slotkoers en waren dus antidilutief tijdens de verslagperiode:

Datum van Uitoefenprijs
Niet-dilutieve instrumenten toekenning (in €) Aantal toegekend Aantal uitstaand
SOP2 - opties 19.02.2007 30,175 37 500 10 000
SOP2 - opties 18.02.2008 28,335 43 500 19 500
SOP2 - opties 15.02.2010 33,990 49 500 49 500
SOP 2005-2009 - warrants 19.02.2007 30,175 182 010 10 270
SOP 2005-2009 - warrants 18.02.2008 28,335 229 200 118 850
SOP 2005-2009 - warrants 15.02.2010 33,990 225 450 191 850
SOP 2010-2014 - opties 14.02.2011 77,000 360 925 314 925

Voor meer informatie i.v.m. warrants en opties, zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties'.

6. Balanselementen

6.1. Immateriële activa

in duizend €
Licenties,
patenten en Gebruiks Ontwik
Aanschaffingswaarde soortgelijke
rechten
Computer
software
recht
terreinen
kelings
uitgaven
Overige Totaal
Per 1 januari 2013 8 817 62 717 71 041 1 001 19 494 163 070
Aanschaffingen 309 1 667 - - 200 2 176
Verkopen en buitengebruikstellingen -500 -6 -3 763 -982 - -5 251
Overdrachten1 130 1 673 - - 33 1 836
Uit consolidatie genomen - -111 - - -3 150 -3 261
Omrekeningswinsten en
-verliezen (-) -65 -1 149 -2 594 - -520 -4 328
Per 31 december 2013 8 691 64 791 64 684 19 16 057 154 242
Per 1 januari 2014 8 691 64 791 64 684 19 16 057 154 242
Aanschaffingen 15 021 5 138 1 149 - 443 21 752
Verkopen en buitengebruikstellingen - -420 - - -86 -506
Overdrachten1 -284 272 - - - -12
Eerste consolidatie - 2 - - 6 010 6 012
Omrekeningswinsten en
-verliezen (-) 54 1 900 7 023 - 1 657 10 634
Per 31 december 2014 23 483 71 683 72 856 19 24 081 192 121
Afschrijvingen en bijzondere
waardeverminderingen
Per 1 januari 2013 7 462 48 453 7 888 1 001 16 006 80 810
Afschrijvingen van het boekjaar 1 079 5 242 1 377 - 764 8 462
Bijzondere waardeverminderingen 125 - - - - 125
Verkopen en buitengebruikstellingen -500 -6 -303 -982 - -1 791
Uit consolidatie genomen - -111 - - -2 951 -3 062
Omrekeningswinsten (-) en
-verliezen -28 -724 -174 - -420 -1 346
Per 31 december 2013 8 138 52 854 8 788 19 13 399 83 198
Per 1 januari 2014 8 138 52 854 8 788 19 13 399 83 198
Afschrijvingen van het boekjaar 168 4 827 1 330 - 955 7 280
Bijzondere waardeverminderingen - 116 - - - 116
Verkopen en buitengebruikstellingen - -420 - - -86 -506
Omrekeningswinsten (-) en
-verliezen 44 1 501 1 039 - 1 363 3 947
Per 31 december 2014 8 350 58 878 11 157 19 15 631 94 034
Nettoboekwaarde
per 31 december 2013
553 11 936 55 896 - 2 658 71 043
Nettoboekwaarde
per 31 december 2014 15 133 12 805 61 699 - 8 450 98 087

1Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van immateriële activa en materiële vaste activa (zie toelichting 6.3.) worden opgeteld.

De aanschaffingen van licenties, patenten en soortgelijke rechten hebben hoofdzakelijk betrekking op de verwerving van de intellectuele eigendom van Pirelli (€ 15 miljoen). De aanschaffingen van software zijn gerelateerd met het Satellietproject (verkoop en logistiek) en ERP-software (SAP). De toename in gebruiksrechten op terreinen in 2014 heeft betrekking op de aankoop door Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd. De eerste consolidatie in overige immateriële activa heeft betrekking op de synergieën uit de overdracht van productievolumes (€ 4,8 miljoen) en de klantenportefeuille (€ 1,2 miljoen) verworven in het kader van de bedrijfscombinatie met Maccaferri (zie toelichting 7.2 'Effect van bedrijfscombinaties').

Op balansdatum waren er geen immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur.

6.2. Goodwill

Deze toelichting behelst enkel goodwill op verwerving van dochterondernemingen. Goodwill met betrekking tot joint ventures en geassocieerde ondernemingen zit vervat in toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen'.

Aanschaffingswaarde
--------------------- --
in duizend € 2013 2014
Per 1 januari 41 569 35 566
Toenames - 784
Uit consolidatie genomen -4 844 -
Omrekeningswinsten en -verliezen (-) -1 159 1 668
Per 31 december 35 566 38 018

Bijzondere waardeverminderingen

in duizend € 2013 2014
Per 1 januari 24 628 19 197
Uit consolidatie genomen -4 844 -
Omrekeningswinsten (-) en -verliezen -587 338
Per 31 december 19 197 19 535
Nettoboekwaarde per 31 december 16 369 18 483

In 2014 is de toename in goodwill een gevolg van nieuwe bedrijfscombinaties, zijnde de commerciële samenwerking met Maccaferri voor ondergrondse oplossingen (€ 0,1 miljoen) en de acquisitie van Pirelli's staalkoordfabrieken (€ 0,7 miljoen – voorlopig bedrag). De bedrijfscombinatie betreffende de ArcelorMittal deal in Costa Rica, Brazilië en Ecuador resulteert in een negatieve goodwill van € 10,9 miljoen die opgenomen werd in de winst-en-verliesrekening. Meer informatie over de goodwillberekeningen is voorzien in toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties'.

In 2013 waren er geen nieuwe bedrijfscombinaties. Het netto-effect van deconsolidatie in 2013 is nul, aangezien de betreffende goodwill van de geavanceerde filtratie activiteiten en de 'flaring' activiteiten reeds volledig waren afgewaardeerd op het ogenblik van verkoop van deze kasstroomgenererende eenheden.

Goodwill per kasstroomgenererende eenheid

De goodwill verworven ten gevolge van een bedrijfscombinatie wordt toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden waarvan verwacht wordt dat zij voordeel zullen halen uit deze bedrijfscombinatie.

De nettoboekwaarde van de goodwill en de eraan verbonden bijzondere waardeverminderingen zijn als volgt toegewezen:

Segment
in duizend €
Groep van
kasstroomgenererende
eenheden
Nettoboek
waarde
31 dec 2012
Bijzondere
waardever
mindering
2013
Nettoboek
waarde
31 dec 2013
Bijzondere
waardever
mindering
2014
Nettoboek
waarde
31 dec 2014
Dochterondernemingen
EMEA Cold Drawn Products Ltd 2 743 - 2 685 - 2 874
EMEA Verbrandingstechnologie -
verwarming EMEA
3 027 - 3 027 - 3 027
EMEA Bouwproducten - - - - 71
EMEA Rubberversterkingsproducten - - - - 713
Noord-Amerika Productie-eenheid Orrville
(USA)
8 890 - 8 505 - 9 662
Latijns-Amerika Inchalam-groep 1 005 - 876 - 860
Latijns-Amerika Bekaert Ideal SL
vennootschappen 844 - 844 - 844
Pacifisch Azië Bekaert (Qingdao) Wire
Products Co Ltd
385 - 385 - 385
Pacifisch Azië Bekaert-Jiangying Wire
Products Co Ltd 47 - 47 - 47
Subtotaal 16 941 - 16 369 - 18 483
Joint ventures en geassocieerde
ondernemingen
Latijns-Amerika Belgo Bekaert Arames Ltda 5 559 - 4 614 - 4 667
Subtotaal 5 559 - 4 614 - 4 667
Totaal 22 500 - 20 983 - 23 150

Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden minstens jaarlijks getoetst op bijzondere waardevermindering op basis van hun bedrijfswaarde, met toepassing van de volgende assumpties:

  • De tijdshorizon is in principe 12 jaar (gemiddelde levensduur van uitrusting), maar kan geval per geval verschillen.
  • De toekomstige vrije kasstromen zijn gebaseerd op de laatste budgetteringsoefeningen voor de komende 3 jaar. De basisveronderstellingen bij budgetteringsoefeningen hebben betrekking op de omzetprognoses, die veelal gelijke tred houden met de regionale evolutie van het BNP, en met marge-evoluties die rekening houden met overeengekomen actieplannen. Alle kasstromen nadien zijn extrapolaties door het management van de kasstroomgenererende eenheid. Gezien de onzekere vooruitzichten op middellange termijn past de Groep een conservatieve benadering toe op extrapolaties, die het relevante marktgerelateerde groeipercentage niet overstijgen. Verbeteringen in de kosten-structuur worden niet in rekening genomen tenzij ze kunnen worden onderbouwd.
  • De toekomstige kasstromen zijn gebaseerd op de activa in hun huidige toestand en omvatten geen toekomstige, nog niet aangekondigde herstructureringen of investeringsuitgaven om de prestaties van activa te verhogen tegenover hun origineel ingeschatte prestatienorm. Enkel de investeringsuitgaven vereist voor het instandhouden van de activa zijn inbegrepen. De kasuitstromen gerelateerd aan het werkkapitaal zijn berekend als een percentage van de omzettoename, gebaseerd op de voorbije prestaties van de specifieke kasstroomgenererende eenheid.
  • De disconteringsvoet is gebaseerd op de (langetermijn-)kapitaalkosten vóór belastingen en de risico's zitten ingebed in de kasstromen. Er wordt een gewogen gemiddelde kapitaalkost (weighted average cost of capital = WACC) bepaald voor de regio's waarin de euro, de US dollar en de Chinese renminbi de dominante valuta's zijn. Voor landen met een hoger ingeschat risico wordt de WACC opgetrokken met een landgerelateerde risicofactor. De WACC wordt bepaald vóór belastingen omdat de relevante kasstromen ook vóór belastingen bepaald worden. De WACC wordt tevens in reële termen (zonder inflatie) uitgedrukt omdat de kasstromen ook in reële termen uitgedrukt zijn. De weging van kapitaalkosten voor schulden en eigen vermogen is gebaseerd op een streefcijfer van 50% gearing (nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen). De disconteringsvoeten worden minstens jaarlijks herzien.
Disconteringsvoeten voor toetsen op bijzondere
waardevermindering Euro-regio USD-regio CNY-regio
Streefcijfers voor de Groep
Gearing: nettoschuld / eigen vermogen 50%
% schulden 33%
% eigen vermogen 67%
% langetermijnschulden 75%
% kortetermijnschulden 25%
Schuldkost voor Bekaert 2,3% 2,5% 6,3%
Langetermijnrentevoet 2,7% 3,0% 6,5%
Kortetermijnrentevoet 1,2% 1,0% 5,6%
Eigenvermogenkost voor Bekaert
= Rf + β . Em
7,6% 8,9% 12,7%
Risicovrije rentevoet = Rf 1,0% 2,3% 6,2%
Beta = β 1,31
Marktrisicopremie voor eigen vermogen = Em 5%
Belastingvoet 27%
Eigenvermogenkost vóór belastingen 7,6% 8,9% 12,7%
WACC - nominaal 5,8% 6,7% 10,5%
Verwachte inflatie 1,6% 2,2% 2,8%
WACC in reële termen 4,2% 4,5% 7,7%

Op basis van de gegevens die op vandaag gekend zijn, zouden redelijkerwijs mogelijke veranderingen in de voornaamste veronderstellingen (waaronder de disconteringsvoet, de omzet- en marge-evolutie) geen aanleiding geven tot bijzondere waardeverminderingen voor één van de overige kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill werd toegewezen.

6.3. Materiële vaste activa

Instal
in duizend € laties, Overige
Terreinen machines Meubilair materiële
Aanschaffingswaarde en
gebouwen
en
uitrusting
en rollend
materieel
Financiële
leasing
vaste
activa
Activa in
aanbouw
Totaal
Per 1 januari 2013 934 199 2 261 204 92 811 9 800 4 351 62 150 3 364 516
Aanschaffingen 23 955 53 448 6 492 73 1 269 11 472 96 709
Verkopen en buitengebruikstellingen -1 711 -19 104 -4 630 -323 -393 -54 -26 215
Uit consolidatie genomen -3 740 -3 167 -516 - - -5 -7 428
Overdrachten1 - - - - - -1 836 -1 836
Herclassificering als (-) / uit
aangehouden voor verkoop -21 752 - - - - - -21 752
Omrekeningswinsten en
-verliezen (-) -35 306 -69 915 -3 863 -1 125 -157 -4 210 -114 576
Inflatie-effecten op de openingssaldi 1 224 1 373 151 - - 54 2 802
Overige inflatie-effecten - - - - - 18 18
Per 31 december 2013 896 869 2 223 839 90 445 8 425 5 070 67 589 3 292 238
Per 1 januari 2014 896 869 2 223 839 90 445 8 425 5 070 67 589 3 292 238
Aanschaffingen 21 871 89 433 5 347 1 373 833 16 390 135 247
Verkopen en buitengebruikstellingen -3 144 -146 445 -7 055 - - -1 588 -158 232
Eerste consolidatie 80 544 78 597 707 - 157 2 535 162 540
Overdrachten1 - - - - - 12 12
Omrekeningswinsten en
-verliezen (-) 52 051 147 716 4 769 -61 70 5 263 209 809
Inflatie-effecten op de openingssaldi 1 659 1 921 206 - - 116 3 901
Overige inflatie-effecten - - - - - 22 22
Per 31 december 2014 1 049 850 2 395 062 94 419 9 738 6 129 90 340 3 645 537
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen
Per 1 januari 2013 389 022 1 512 618 72 561 1 434 2 315 - 1 977 949
Afschrijvingen van het boekjaar 34 570 119 625 8 519 274 667 - 163 655
Bijzondere waardeverminderingen 339 8 450 39 - 182 - 9 010
Terugname van bijzondere
waardeverminderingen en
afschrijvingen - -471 -35 - - - -506
Verkopen en buitengebruikstellingen -1 538 -17 684 -4 239 -202 -206 - -23 869
Uit consolidatie genomen -1 976 -3 084 -488 - - - -5 548
Herclassificering als (-) / uit
aangehouden voor verkoop -19 656 - - - - - -19 656
Omrekeningswinsten (-) en
-verliezen -12 301 -43 346 -2 621 -85 -103 - -58 456
Inflatie-effecten op de openingssaldi 254 584 99 - - - 937
Per 31 december 2013 388 714 1 576 692 73 835 1 421 2 855 - 2 043 516
Per 1 januari 2014 388 714 1 576 692 73 835 1 421 2 855 - 2 043 516
Afschrijvingen van het boekjaar 34 308 111 077 7 823 227 499 - 153 934
Bijzondere waardeverminderingen 290 17 803 176 - - - 18 270
Terugname van bijzondere
waardeverminderingen en
afschrijvingen -9 -1 383 -32 - - - -1 423
Verkopen en buitengebruikstellingen -2 353 -143 332 -6 797 - - - -152 482
Overdrachten1 2 -1 - - - - -
Omrekeningswinsten (-) en
-verliezen 24 334 101 683 3 994 38 - - 130 049
Inflatie-effecten op de openingssaldi 405 931 157 - - - 1 493
Per 31 december 2014 445 691 1 663 470 79 156 1 686 3 354 - 2 193 357

1Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van immateriële activa (zie toelichting 6.1. 'Immateriële activa') en materiële vaste activa worden opgeteld.

Terreinen
en
Instal
laties,
machines
en
Meubilair
en rollend
Financiële Overige
materiële
vaste
Activa in
in duizend € gebouwen uitrusting materieel leasing activa aanbouw Totaal
Nettoboekwaarde per
31 december 2013 vóór
investeringssubsidies en
herclassificering van leasing 508 155 647 147 16 611 7 004 2 215 67 589 1 248 721
Netto-investeringssubsidies -6 271 -3 392 - - - - -9 663
Financiële leasing per categorie van
activa 6 794 17 193 -7 004 - - -
Nettoboekwaarde
per 31 december 2013 508 678 643 772 16 804 - 2 215 67 589 1 239 058
Nettoboekwaarde per
31 december 2014 vóór
investeringssubsidies en
herclassificering van leasing 604 158 731 592 15 263 8 052 2 775 90 340 1 452 181
Netto-investeringssubsidies -7 676 -11 701 - - - - -19 377
Financiële leasing per categorie van
activa 7 891 15 146 -8 052 - - -
Nettoboekwaarde
per 31 december 2014 604 373 719 907 15 409 - 2 775 90 340 1 432 804

De investeringsprogramma's in België, Chili, China, Costa Rica, Slovakije en de Verenigde Staten vertegenwoordigden het grootste deel van de aanschaffingen. De netto-omrekeningswinst van dit jaar (€ 79,8 miljoen) heeft voornamelijk betrekking op activa opgenomen in Chinese renminbis (€ 56,9 miljoen), US dollars (€ 30,6 miljoen), Indische roepies (€ 4,7 miljoen), Russische roebels (€ -10,4 miljoen), Chileense pesos (€ -1,5 miljoen) en Venezolaanse bolivars (€ -1,2 miljoen).

De methodologie voor het toetsen op bijzondere waardeverminderingen is consistent met deze die uitgelegd wordt in toelichting 6.2. 'Goodwill'. Voor herclassificeringen als / uit aangehouden voor verkoop verwijzen wij naar toelichting 6.11. 'Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa'. Voor meer details inzake eerste consolidatie verwijzen wij naar toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties'.

Inflatie-effecten hebben betrekking op de toepassing van inflatieboekhouden in Venezuela.

Er werden geen materiële vaste activa verpand als waarborg voor leningen.

6.4. Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen

De Groep heeft geen deelnemingen in ondernemingen die worden geclassificeerd als geassocieerde ondernemingen.

Deelnemingen exclusief gerelateerde goodwill

Nettoboekwaarde

2013
in duizend €
2014
Per 1 januari
162 036
151 224
Resultaat van het boekjaar
30 244
25 330
Dividenden
-12 509
-20 577
Omrekeningswinsten en -verliezen
-28 547
3 339
Uit consolidatie genomen
-
-8 030
Andere elementen van het resultaat
-
-219
Per 31 december
151 224
151 067

Voor een analyse van het resultaat van het boekjaar verwijzen wij naar toelichting 5.6. 'Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen'. Uit consolidatie genomen activiteiten hebben betrekking op de afsplitsing van Bekaert Cimaf Cabos uit Belgo Bekaert Arames Ltda in het kader van de bedrijfscombinatie met ArcelorMittal in Costa Rica en Brazilië (cf. toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties') en de vereffening van Bekaert Faser Vertriebs GmbH.

Gerelateerde goodwill

Aanschaffingswaarde in duizend € 2013 2014 Per 1 januari 5 559 4 614 Omrekeningswinsten en -verliezen -945 53 Per 31 december 4 614 4 667 4 614 4 667 155 838 155 734 Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill per 31 december Totale nettoboekwaarde per 31 december van deelnemingen in joint ventures

Hierna volgt een overzicht van het groepsaandeel in het eigen vermogen van de deelnemingen in joint ventures:

in duizend € 2013 2014
Joint ventures
BOSFA Pty Ltd Australië 3 087 3 393
Bekaert Faser Vertriebs GmbH Duitsland 102 -
Belgo Bekaert Arames Ltda Brazilië 125 538 125 806
BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda Brazilië 14 382 14 224
Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd China 8 115 7 644
Totaal joint ventures, exclusief gerelateerde goodwill 151 224 151 067
Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill 4 614 4 667
Totaal joint ventures, inclusief gerelateerde goodwill 155 838 155 734

Er werden geen belangrijke voorwaardelijke activa met betrekking tot de joint ventures geïdentificeerd op de balansdatum. De voornaamste voorwaardelijke verplichtingen op balansdatum houden verband met belastingen in Belgo Bekaert Arames Ltda en BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda. Deze Braziliaanse joint ventures proberen al een tijd om ICMS-belastingvorderingen te compenseren voor een totale nettoboekwaarde van € 9,3 miljoen (2013: € 10,9 miljoen). Daarbij worden zij ook geconfronteerd met geschillen die betrekking hebben op ICMS-tegoeden voor een totaal bedrag van € 13,4 miljoen (2013: €11,0 miljoen), ICMStegemoetkomingen voor een totaal bedrag van € 1,7 miljoen (2013: € 1,5 miljoen) en met andere belastinggeschillen, waarvan de meeste al jaren hangend zijn, voor een totaal nominaal bedrag van € 12,3 miljoen (2013: € 9,8 miljoen). Het is evident dat eventuele verliezen voortvloeiend uit bovenvermelde voorwaardelijke verplichtingen de Groep slechts zouden affecteren in de mate van hun participatie in de betrokken joint ventures (ca. 45%).

In overeenstemming met IFRS 12, 'Informatieverschaffing over betrokkenheid in andere entiteiten', wordt de volgende informatie verstrekt voor belangrijke joint ventures. De twee Braziliaanse joint ventures werden samengevoegd om de dominantie van het partnerschap met ArcelorMittal te benadrukken bij het analyseren van het relatief belang van de joint ventures.

Deelnemingspercentage (en
stemrechtenpercentage)
aangehouden door de Groep op
jaareinde
Naam van de joint venture
in duizend €
Land 2013 2014
Belgo Bekaert Arames Ltda Brazilië 45,0% (50,0%) 45,0% (50,0%)
BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda Brazilië 44,5% (50,0%) 44,5% (50,0%)

Belgo Bekaert Arames Ltda produceert en verkoopt een grote variëteit van draadproducten die meestal bestemd zijn voor industriële klanten, terwijl BMB hoofdzakelijk draad en kabels ter versterking van rubberbanden produceert en verkoopt.

Braziliaanse joint ventures: winst-en-verliesrekening
in duizend € 2013 2014
Omzet 904 143 820 208
Bedrijfsresultaat (EBIT) 95 025 79 084
Renteopbrengsten 7 484 2 780
Rentelasten -8 959 -5 752
Overige financiële opbrengsten en lasten -5 745 -2 405
Winstbelastingen -11 821 -6 801
Perioderesultaat 75 984 66 906
Andere elementen van het resultaat - -486
Volledig perioderesultaat 75 984 66 420
Afschrijvingen en waardeverminderingen 22 170 20 498
EBITDA 117 195 99 582
Dividenden ontvangen van de entiteit 12 494 20 577

Braziliaanse joint ventures: balans

in duizend € 2013 2014
Vlottende activa 245 809 252 426
Vaste activa 231 043 237 101
Verplichtingen op ten hoogste een jaar -115 254 -126 689
Verplichtingen op meer dan een jaar -51 073 -52 644
Nettoactiva 310 525 310 194
Braziliaanse joint ventures: nettoschuldelementen
in duizend €
2013 2014
Rentedragende schulden op meer dan een jaar 292 47
Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar 10 804 14 773
Totaal financiële schulden 11 096 14 820
Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar -23 130 -24 262
Geldmiddelen en kasequivalenten -15 158 -16 508
Nettoschuld -27 192 -25 950
Braziliaanse joint ventures: aansluiting met nettoboekwaarde
in duizend € 2013 2014
Nettoactiva van Belgo Bekaert Arames Ltda 278 548 278 802
Deelnemingspercentage van de Groep 45,0% 45,0%
Proportionele nettoactiva 125 347 125 461
Consolidatie-aanpassingen 191 345
Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in Belgo Bekaert Arames Ltda 125 538 125 806
Nettoactiva van BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda 31 977 31 392
Deelnemingspercentage van de Groep 44,5% 44,5%
Proportionele nettoactiva 14 230 13 969
Consolidatie-aanpassingen 152 255
Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in BMB-Belgo Mineira Bekaert
Artefatos de Arame Ltda 14 382 14 224
Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in de Braziliaanse joint
ventures 139 920 140 030
Geaggregeerde informatie van de overige joint ventures
in duizend € 2013 2014
Aandeel van de Groep in het resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 203 -1 057
Aandeel van de Groep in het volledig perioderesultaat 203 -1 057
Geaggregeerde nettoboekwaarde van het aandeel van de Groep in deze joint ventures 11 304 11 037

6.5. Overige vaste activa

in duizend € 2013 2014
Financiële vorderingen op meer dan een jaar en kaswaarborgen 21 421 19 551
Restitutierechten en overige vorderingen op meer dan een jaar 3 887 8 973
Derivaten (zie toelichting 7.3.) 14 760 5 944
Nettovordering uit toegezegdpensioenregelingen op meer dan een jaar - 21
Financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop 8 713 9 979
Totaal overige vaste activa 48 781 44 468

De financiële vorderingen op meer dan een jaar zijn voornamelijk het gevolg van uitgestelde betalingen bij de verkoop van de industriële deklagenactiviteit in 2012, die volledig vereffend zullen zijn tegen 2017.

Financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop

Nettoboekwaarde
in duizend € 2013 2014
Per 1 januari 11 305 8 713
Aanschaffingen 14 21
Verkopen -1 916 -
Veranderingen in reële waarde 773 1 405
Waardeverminderingen -1 284 -157
Eerste consolidatie - 5
Omrekeningswinsten en -verliezen -179 -8
Per 31 december 8 713 9 979

De financiële vaste activa beschikbaar voor verkoop hebben in hoofdzaak betrekking op de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd, een vennootschap die genoteerd is op de beurs van Hongkong. Op deze deelneming werd een bijzondere waardevermindering van € 0,2 miljoen opgenomen in het resultaat in juni 2014. Sindsdien werd op dezelfde deelneming een toename in reële waarde (€ 1,4 miljoen) opgenomen in het eigen vermogen in overeenstemming met IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering'. Het bedrag in 'aanschaffingen' heeft vooral betrekking op Transportes Puelche Ltda, een deelneming aangehouden door Acma SA (Chili).

6.6. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen

Nettoboekwaarde Vorderingen Verplichtingen
in duizend € 2013 2014 2013 2014
Per 1 januari 58 563 77 551 31 988 37 023
Toename of afname via resultaat -18 511 26 554 -34 976 11 653
Toename of afname via eigen vermogen 500 732 1 875 -1 355
Eerste consolidatie - 10 487 - 24 580
Uit consolidatie genomen -1 467 - -37 -
Omrekeningswinsten en -verliezen -3 808 5 745 -4 101 2 154
Saldering vorderingen en verplichtingen 42 274 -19 802 42 274 -19 802
Per 31 december 77 551 101 267 37 023 54 253

Opgenomen uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen zijn toe te wijzen aan de volgende rubrieken:

Vorderingen
Verplichtingen
Nettovorderingen
in duizend € 2013 2014 2013 2014 2013 2014
Immateriële activa 143 7 581 5 174 6 038 -5 031 1 543
Materiële vaste activa 35 454 39 346 22 037 47 330 13 417 -7 984
Financiële vaste activa 1 532 1 22 293 16 065 -20 761 -16 064
Voorraden 7 139 10 116 3 589 4 534 3 550 5 582
Vorderingen 8 299 8 072 73 261 8 226 7 811
Andere vlottende activa 284 258 1 605 8 292 -1 321 -8 034
Voorzieningen voor
personeelsbeloningen 20 367 29 286 92 104 20 275 29 182
Overige voorzieningen 1 541 4 274 1 187 2 474 354 1 800
Overige verplichtingen 10 416 20 744 1 380 9 436 9 036 11 308
Overdraagbare fiscaal
aftrekbare verliezen,
aftrekposten en
terugvorderbare belastingen 12 783 21 870 - - 12 783 21 870
Belastingvorderingen / -
verplichtingen 97 958 141 548 57 430 94 534 40 528 47 014
Saldering vorderingen en
verplichtingen -20 407 -40 281 -20 407 -40 281 - -
Nettobelastingvorderingen / -
verplichtingen 77 551 101 267 37 023 54 253 40 528 47 014

De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot materiële vaste activa komen voornamelijk voort uit tijdelijke verschillen, veroorzaakt door een verschil in gebruiksduur tussen IFRS en de fiscale boeken. De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot financiële vaste activa hebben voornamelijk te maken met tijdelijke verschillen die ontstaan uit niet-uitgekeerde winsten bij dochterondernemingen en joint ventures.

De evolutie van uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen is als volgt te verklaren:

Opgenomen
via winst-en Opgenomen Overnames Omreke
2013 Per verlies via eigen en ningswinsten Per
in duizend € 1 januari rekening vermogen afstotingen1 en -verliezen 31 december
Tijdelijke verschillen
Immateriële activa -7 065 1 812 - - 222 -5 031
Materiële vaste activa -19 085 30 684 - 27 1 791 13 417
Financiële vaste activa -18 335 -497 -2 231 - 302 -20 761
Voorraden 6 047 -2 481 - -59 43 3 550
Vorderingen 11 085 -2 661 - -3 -195 8 226
Andere vlottende activa -5 085 3 711 30 - 23 -1 321
Voorzieningen voor personeels
beloningen 23 207 -2 745 826 -130 -883 20 275
Overige voorzieningen 611 -195 - -3 -59 354
Overige verplichtingen 5 446 3 925 - - -335 9 036
Overdraagbare fiscaal aftrekbare
verliezen, aftrekposten en
terugvorderbare belastingen 29 749 -15 088 - -1 262 -616 12 783
Totaal 26 575 16 465 -1 375 -1 430 293 40 528
Opgenomen Overnames
via winst-en Opgenomen en Omreke
2014 Per verlies via eigen afstotingen1 ningswinsten Per
in duizend € 1 januari rekening vermogen en -verliezen 31 december
Tijdelijke verschillen
Immateriële activa -5 031 1 679 - 5 510 -615 1 543
Materiële vaste activa 13 417 2 200 - -24 487 886 -7 984
Financiële vaste activa -20 761 3 833 1 066 - -202 -16 064
Voorraden 3 550 1 433 - 1 101 -502 5 582
Vorderingen 8 226 -1 088 - 2 671 7 811
Andere vlottende activa
Voorzieningen voor personeels -1 321 -6 628 - - -85 -8 034
beloningen 20 275 5 344 1 021 1 027 1 515 29 182
Overige voorzieningen 354 -1 549 - 2 641 354 1 800
Overige verplichtingen 9 036 1 594 - 113 565 11 308
Overdraagbare fiscaal aftrekbare
verliezen, aftrekposten en
terugvorderbare belastingen 12 783 8 083 - - 1 004 21 870

1 Heeft betrekking op de verkoop van de Geavanceerde filtratie activiteiten in 2013 en de bedrijfscombinaties in 2014 (zie toelichting 7.2. 'Effect van bedrijfscombinaties').

Uitgestelde belastingen in verband met andere elementen van het resultaat

2013 Voor Na
in duizend € belastingen Belastingen belastingen
Omrekeningsverschillen -86 105 -1 904 -88 009
Inflatie-aanpassingen 758 - 758
Kasstroomafdekkingen 854 30 884
Financiële activa beschikbaar voor verkoop 773 -327 446
Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen 21 734 826 22 560
Totaal -61 986 -1 375 -63 361
Voor
2014 Na
in duizend € belastingen Belastingen belastingen
Omrekeningsverschillen 92 868 1 355 94 223
Inflatie-aanpassingen 1 574 - 1 574
Kasstroomafdekkingen 755 - 755
Financiële activa beschikbaar voor verkoop 1 405 -289 1 116
Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen -28 418 1 021 -27 397
Aandeel in de andere elementen van het resultaat van joint ventures en
geassocieerde ondernemingen
-219 - -219

Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen

Er werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen met betrekking tot volgende aftrekbare elementen (brutowaarden):

Verschil 2014
in duizend € 2013 2014 - 2013
Aftrekbare tijdelijke verschillen 236 728 270 086 33 358
Beleggingsverliezen 34 254 14 781 -19 473
Operationele verliezen en aftrekposten 717 923 829 911 111 988
Totaal 988 905 1 114 778 125 873

Beleggingsverliezen, operationele verliezen en aftrekposten per vervaldatum

in duizend € Te vervallen
binnen 1 jaar
Te vervallen
tussen 1 en 5
jaar
Te vervallen
na meer dan
5 jaar
Niet
vervallend
Totaal
Beleggingsverliezen - - - 14 781 14 781
Operationele verliezen 23 501 194 696 103 823 509 839 831 859
Aftrekposten - 65 978 - 10 779 76 757
Totaal 23 501 260 674 103 823 535 399 923 397

6.7. Operationeel werkkapitaal

in duizend € 2013 2014
Grond- en hulpstoffen en wisselstukken 192 818 223 367
Goederen in bewerking en gereed product 257 233 312 423
Handelsgoederen 89 214 105 017
Voorraden 539 265 640 807
Handelsvorderingen 583 215 707 569
Ontvangen bankwissels 110 218 114 117
Betaalde voorschotten 22 176 24 897
Handelsschulden -338 864 -390 943
Ontvangen voorschotten -8 717 -5 106
Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid -101 111 -107 432
Belastingen m.b.t. personeel -13 346 -9 298
Operationeel werkkapitaal 792 836 974 611
Nettoboekwaarde
2013
in duizend €
2014
Per 1 januari
898 344
792 836
Organische toename of afname (-)
-78 491
54 623
Afwaarderingen en terugname van afwaarderingen
19 338
-4 364
Eerste consolidatie
-
71 900
Uit consolidatie genomen
-1 140
-
Impact inflatieboekhouden
109
647
Omrekeningswinsten en -verliezen (-)
-45 324
58 969
Per 31 december
792 836
974 611

Het gemiddeld operationeel werkkapitaal vertegenwoordigde 26,7% van de omzet (2013: 26,5%).

Bijkomende informatie aangaande:

  • Voorraden

De kostprijs van verkopen bevat vervoer- en verhandelingskosten van gereed product voor € 151,6 miljoen (2013: € 136,1 miljoen), die nooit werden gekapitaliseerd in voorraden. De bewegingen in de voorraden omvatten nettoafwaarderingen in 2014 voor € 5,0 miljoen (2013: nettoterugname van afwaarderingen voor € 7,1 miljoen).

Er werden net als in 2013 geen voorraden verpand als waarborg voor leningen.

  • Handelsvorderingen

De volgende tabel stelt de bewegingen in waardeverminderingen op handelsvorderingen voor:

in duizend € 2013 2014
Per 1 januari -52 820 -39 371
Opgenomen verliezen in huidig jaar -3 426 -3 128
Opgenomen verliezen in vorige jaren - aangewende bedragen 1 406 807
Opgenomen verliezen in vorige jaren - terugname van niet aangewende
bedragen 14 123 2 933
Eerste consolidatie - -8
Uit consolidatie genomen 55 -
Omrekeningswinsten en verliezen (-) 1 291 -3 000
Per 31 december -39 371 -41 767

In 2013 hebben de teruggenomen verliezen voornamelijk betrekking op vorderingen tegenover zaagdraadklanten in Pacifisch Azië die initieel afgewaardeerd werden in 2012.

De volgende tabel geeft verdere informatie omtrent waardeverminderingen en vervallen vorderingen:

Handelsvorderingen en ontvangen bankwissels
in duizend € 2013 2014
Brutoboekwaarde 732 804 863 453
Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen (afgewaardeerd) -39 371 -41 767
Nettoboekwaarde 693 433 821 686
waarvan vervallen maar niet afgewaardeerd
bedrag 110 422 97 669
gemiddeld aantal dagen uitstaand 90,0 98,3

Betreffende de handelsvorderingen die niet afgewaardeerd en niet vervallen zijn, zijn er geen aanwijzingen dat de debiteuren hun betalingsverplichtingen niet zullen nakomen. Voor meer informatie over kredietverbeteringstechnieken verwijzen wij naar toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.

6.8. Overige vorderingen

Nettoboekwaarde

in duizend € 2013 2014
Per 1 januari 84 325 83 781
Toename of afname 8 337 10 517
Waardeverminderingen en terugnemingen van waardeverminderingen -746 -158
Eerste consolidatie - 6 134
Uit consolidatie genomen -299 -
Herclassificeringen -313 -
Omrekeningswinsten en -verliezen -7 523 6 353
Per 31 december 83 781 106 627

Overige vorderingen hebben voornamelijk betrekking op belastingen (€ 78,4 miljoen (2013: € 67,6 miljoen)). Verder omvatten de overige vorderingen een voorlopig geschatte verzekeringsvergoeding voor de brand in de vestiging Rome (Verenigde Staten) in 2014 (€ 15,9 miljoen) en sociale leningen aan personeel (€ 3.2 miljoen (2013: € 5.4 miljoen)).

6.9. Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen

Nettoboekwaarde
in duizend €
2013 2014
Geldmiddelen en kasequivalenten 391 857 458 542
Geldbeleggingen 10 172 14 160

Voor de wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten: zie het geconsolideerd kasstroomoverzicht en toelichting 7.1. 'Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht'. Geldbeleggingen werden omgezet in kasequivalenten met het oog op de terugbetaling van de obligatielening van € 100 miljoen in maart 2015 en de betaling voor de acquisitie van de Pirelli-staalkoordfabrieken. Kasequivalenten en geldbeleggingen omvatten op de balansdatum geen marktgenoteerde schuldinstrumenten of eigenvermogensinstrumenten en worden zonder uitzondering geclassificeerd als leningen en vorderingen.

6.10. Overige vlottende activa

Nettoboekwaarde
in duizend € 2013 2014
Leningen en financiële vorderingen op ten hoogste een jaar 6 440 13 998
Betaalde voorschotten 22 176 24 897
Derivaten (zie toelichting 7.3.) 13 565 18 213
Overlopende rekeningen (actief) 9 032 7 942
Per 31 december 51 213 65 050

De leningen en financiële vorderingen op ten hoogste een jaar hebben voornamelijk betrekking op leningen aan joint ventures in China (€ 1,0 miljoen) en Australië (€ 0,7 miljoen), op het kortlopende deel van de vordering uit de verkoop van de industriële deklagenactiviteiten in 2012 (€ 2,9 miljoen) en op verschillende kaswaarborgen (€ 8,4 miljoen). De derivaten hebben in hoofdzaak betrekking op CCIRS-overeenkomsten (€ 15,6 miljoen) en termijnwisselcontracten (€ 2,6 miljoen).

6.11. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa

Nettoboekwaarde
2013
in duizend €
2014
Per 1 januari
-
2 096
Toenames en afnames (-)
2 096
-2 096
Per 31 december
2 096
-
2013
in duizend €
2014
Individuele materiële vaste activa
2 096
-
Totaal activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop
2 096
-
Groepen verplichtingen die worden afgestoten
-
-
Totaal verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als
aangehouden voor verkoop
-
-

In 2014 zijn er geen groepen activa of verplichtingen geclassificeerd als aangehouden voor verkoop op balansdatum. De individuele materiële vaste activa in 2013 die betrekking hadden op terreinen en gebouwen in België, werden verkocht in 2014.

6.12. Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties

2013 2014
Geplaatst kapitaal Nominale Nominale
in duizend € waarde Aantal aandelen waarde Aantal aandelen
1 Per 1 januari 176 586 60 000 942 176 773 60 063 871
Bewegingen van het jaar
Uitgifte van nieuwe aandelen 187 62 929 141 47 534
Per 31 december 176 773 60 063 871 176 914 60 111 405
2 Structuur
2.1 Soorten aandelen
Gewone aandelen zonder nominale waarde 176 773 60 063 871 176 914 60 111 405
2.2 Aandelen op naam 1 721 925 1 722 615
Gedematerialiseerde aandelen 58 302 193 58 353 432
Te dematerialiseren aandelen 39 753 35 358
Toegestaan niet-geplaatst kapitaal 175 739 152 176

In totaal werden 47 534 warrants uitgeoefend in 2014 in het kader van het SOP1-aandelenoptieplan en het SOP 2005-2009-aandelenoptieplan, wat geresulteerd heeft in de uitgifte van 47 534 nieuwe aandelen van de onderneming.

Bovenop de 1 652 677 aandelen die de onderneming in portefeuille had per 31 december 2013, kocht de onderneming 2 622 333 eigen aandelen in, in de loop van 2014. In 2014 werd geen van deze aandelen verkocht in het kader van een aandelenoptieplan of vernietigd. Bijgevolg had de onderneming een totaal van 4 275 010 eigen aandelen in bezit per 31 december 2014.

In onderstaande tabellen zijn de details van de aandelenoptieplannen weergegeven die hetzij op de balansdatum, hetzij op de vorige balansdatum nog een uitstaand saldo vertoonden:

Aantal warrants
Datum van
aanbod
Datum van
toekenning
Datum van
uitgifte van
warrants
Uitoefen
prijs
(in €)
Toege
kend
Uitge
oefend
Verbeurd
verklaard
Uitstaand Eerste uitoefen
periode
Laatste uitoefen
periode
14.07.2000 12.09.2000 26.09.2000 18,000 319 941 317 481 2 460 - 01.06 -
15.06.2004
22.05 -
15.06.2013
13.07.2001 11.09.2001 26.09.2001 13,980 418 917 416 499 2 418 - 22.05 -
30.06.2005
22.05 -
15.06.2014
12.07.2002 10.09.2002 25.09.2002 15,825 106 152 104 712 720 720 22.05 -
30.06.2006
22.05 -
15.06.2015
11.07.2003 09.09.2003 06.10.2003 13,630 100 740 100 740 - - 22.05 -
30.06.2007
22.05 -
15.06.2013
09.07.2004 07.09.2004 30.09.2004 15,765 502 182 502 179 3 - 22.05 -
30.06.2008
22.05 -
15.06.2014
1 447 932 1 441 611 5 601 720

Overzicht aandelenoptieplan SOP1

Overzicht aandelenoptieplan SOP2

Aantal opties
Datum van
aanbod
Datum van
toekenning
Uitoefen
prijs
(in €)
Toege
kend
Uitge
oefend
Verbeurd
verklaard
Uitstaand Eerste uitoefen
periode
Laatste uitoefen
periode
22.05 - 15.11 -
21.12.2006 19.02.2007 30,175 37 500 27 500 - 10 000 30.06.2010 15.12.2021
22.05 - 15.11 -
20.12.2007 18.02.2008 28,335 12 870 12 690 - 180 30.06.2011 15.12.2017
22.05 - 15.11 -
20.12.2007 18.02.2008 28,335 30 630 11 310 - 19 320 30.06.2011 15.12.2022
22.05 - 15.11 -
18.12.2008 16.02.2009 16,660 64 500 - - 64 500 30.06.2012 15.12.2018
22.05 - 15.11 -
17.12.2009 15.02.2010 33,990 49 500 - - 49 500 30.06.2013 15.12.2019
195 000 51 500 - 143 500

Overzicht aandelenoptieplan SOP 2005-2009

Aantal warrants
Datum van
aanbod
Datum van
toekenning
Datum van
uitgifte van
warrants
Uitoefen
prijs
(in €)
Toege
kend
Uitge
oefend
Verbeurd
verklaard
Uitstaand Eerste uitoefen
periode
Laatste uitoefen
periode
22.05 - 15.11 -
22.12.2005 20.02.2006 22.03.2006 23,795 190 698 180 567 15 10 116 30.06.2009 15.12.2020
22.05 - 15.11 -
21.12.2006 19.02.2007 22.03.2007 30,175 153 810 143 540 - 10 270 30.06.2010 15.12.2021
22.05 - 15.11 -
20.12.2007 18.02.2008 22.04.2008 28,335 14 100 2 100 9 900 2 100 30.06.2011 15.12.2017
22.05 - 15.11 -
20.12.2007 18.02.2008 22.04.2008 28,335 215 100 85 650 12 700 116 750 30.06.2011 15.12.2022
22.05 - 15.11 -
18.12.2008 16.02.2009 20.10.2009 16,660 288 150 110 350 19 500 158 300 30.06.2012 15.12.2018
22.05 - 15.11 -
17.12.2009 15.02.2010 08.09.2010 33,990 225 450 - 33 600 191 850 30.06.2013 15.12.2019
1 087 308 522 207 75 715 489 386

Overzicht aandelenoptieplan SOP 2010-2014

Aantal opties
Datum van
aanbod
Datum van
toekenning
Uitoefen
prijs
(in €)
Toege
kend
Uitge
oefend
Verbeurd
verklaard
Uitstaand Eerste uitoefen
periode
Laatste uitoefen
periode
16.12.2010 14.02.2011 77,000 360 925 - 46 000 314 925 28.02 -
13.04.2014
Medio nov.-
15.12.2020
22.12.2011 20.02.2012 25,140 287 800 - 2 600 285 200 27.02. -
12.04.2015
Medio nov. -
21.12.2021
20.12.2012 18.02.2013 19,200 267 200 - 2 700 264 500 Eind feb. -
10.04.2016
Medio nov. -
19.12.2022
29.03.2013 28.05.2013 21,450 260 000 - - 260 000 Eind feb. -
09.04.2017
Eind feb. -
28.03.2023
19.12.2013 17.02.2014 25,380 373 450 - - 373 450 Eind feb. -
09.04.2017
Medio nov. -
18.12.2023
1 549 375 - 51 300 1 498 075
2013 2014
Gewogen Gewogen
gemiddelde gemiddelde
uitoefenprijs uitoefenprijs
Aandelenoptieplan SOP1 Aantal warrants (in €) Aantal warrants (in €)
Uitstaand op 1 januari 21 749 15,977 14 254 15,664
Uitgeoefend gedurende het jaar -7 495 16,573 -13 534 15,655
Uitstaand op 31 december 14 254 15,664 720 15,825
2013 2014
Gewogen Gewogen
gemiddelde gemiddelde
uitoefenprijs uitoefenprijs
Aandelenoptieplan SOP2 Aantal opties (in €) Aantal opties (in €)
Uitstaand op 1 januari 143 500 25,166 143 500 25,166
Uitstaand op 31 december 143 500 25,166 143 500 25,166
2013 2014
Gewogen Gewogen
gemiddelde gemiddelde
uitoefenprijs uitoefenprijs
Aandelenoptieplan SOP 2005-2009 Aantal warrants (in €) Aantal warrants (in €)
Uitstaand op 1 januari 597 435 25,441 523 401 26,068
Verbeurd verklaard gedurende het jaar -18 600 33,990 -15 23,795
Uitgeoefend gedurende het jaar -55 434 16,660 -34 000 16,678
Uitstaand op 31 december 523 401 26,068 489 386 26,720
2013 2014
Gewogen Gewogen
gemiddelde gemiddelde
uitoefenprijs uitoefenprijs
Aandelenoptieplan SOP 2010-2014 Aantal opties (in €) Aantal opties (in €)
Uitstaand op 1 januari 638 725 53,633 1 160 625 38,640
Toegekend gedurende het jaar 527 200 20,310 373 450 25,380
Verbeurd verklaard gedurende het jaar -5 300 22,114 -36 000 77,000
Uitstaand op 31 december 1 160 625 38,640 1 498 075 34,413
Gewogen gemiddelde resterende contractuele looptijd
in jaren 2013 2014
SOP1 0,5 0,5
SOP2 5,7 4,7
SOP 2005-2009 6,3 5,4
SOP 2010-2014 8,2 7,7

In 2014 was de gewogen gemiddelde aandelenkoers op de uitoefendatum € 27,82 voor de SOP1-warrants (2013: € 23,49), niet van toepassing voor de SOP2-opties (2013: niet van toepassing) en € 27,45 voor de SOP 2005- 2009-warrants (2013: € 27,23). De uitoefenprijs van de warrants en opties is gelijk aan het laagste van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de moedervennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die het aanbod voorafgaan en (ii) de laatste slotkoers die voorafgaat aan de dag van het aanbod. Wanneer de warrants onder het SOP1-plan of het SOP 2005-2009-plan uitgeoefend worden, wordt het eigen vermogen verhoogd met de ontvangen opbrengsten. Volgens de voorwaarden van de SOP1- en SOP2-plannen waren alle tot in 2004 toegekende warrants of opties onmiddellijk verworven.

Onder de voorwaarden van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 werden opties tot het verwerven van bestaande aandelen van de onderneming aangeboden aan de leden van het Bekaert Group Executive, de Senior Vice Presidents en een aantal hogere kaderleden gedurende de periode 2010-2014. De toekenningsdata van elk aanbod zijn gepland in de periode 2011-2015. De uitoefenprijs van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 wordt op dezelfde manier bepaald als de voorgaande plannen. De toezeggingsvoorwaarden van zowel de SOP 2010- 2014-toekenningen, de SOP2005-2009-toekenningen als de SOP2-toekenningen vanaf 2006 zijn zo opgesteld dat de warrants of opties volledig verworven zullen zijn op 1 januari van het vierde jaar na de datum van het aanbod. In het kader van de Economische Herstelwet van 27 maart 2009 werd de uitoefenperiode van de SOP2 opties en de SOP 2005-2009-warranten toegekend in 2006, 2007 en 2008 met vijf jaar verlengd in het voordeel

van begunstigden die onderworpen waren aan de Belgische inkomstenbelastingen op het ogenblik dat de verlenging werd aangeboden. De toename in reële waarde toegekend als gevolg van de verlengde uitoefenperiode bedraagt € 0,3 miljoen.

De opties toegekend onder SOP2 en SOP 2010-2014 en de warrants toegekend onder SOP 2005-2009 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.13. 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). De reële waarde van de opties wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel. Inputs en uitkomsten van het optiewaarderingsmodel worden hieronder gedetailleerd:

Optiewaarderingsmodel Toegekend in
februari 2013
Toegekend in mei
2013
Toegekend in
februari 2014
Toegekend in
februari 20151
Inputs van het model
Aandelenkoers op toekenningsdatum
(in €) 22,02 23,45 27,32 25,65
Uitoefenprijs (in €) 19,20 21,45 25,38 26,06
Verwachte volatiliteit 39% 39% 39% 39%
Verwacht dividendrendement 3,0% 3,0% 3,0% 3,0%
Wachtperiode (jaren) 3 3 3 3
Contractduur (jaren) 10 10 10 10
Uitstroom van personeel 3% 3% 3% 3%
Risicovrije rentevoet 0,9% 1,7% 1,0% 0,05%
Uitoefenfactor 1,40 1,40 1,40 1,40
Uitkomst van het model
Reële waarde (in €) 6,76 7,96 7,96 6,71

1 Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.

Het model houdt rekening met een vervroegde uitoefening door middel van een uitoefenfactor. Een uitoefenfactor van 1,40 staat voor de veronderstelling dat de begunstigden de opties en warrants uitoefenen na de wachtperiode zodra de aandelenkoers de uitoefenprijs 40% overschrijdt (gemiddeld).

In de loop van 2014 werden 373 450 opties (2013: 527 200) toegekend onder SOP 2010-2014 met een reële waarde van € 7,96 (2013: gewogen gemiddelde reële waarde van € 7,35) per eenheid. De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 2,8 miljoen (2013: € 4,4 miljoen) op basis van een lineaire afschrijving van de reële waarde van de opties en warrants toegekend gedurende de laatste drie jaar.

6.13. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves

Nettoboekwaarde
in duizend € 2013 2014
Afdekkingsreserve -623 132
Herwaarderingsreserve voor financiële activa beschikbaar voor verkoop 693 2 098
Herwaarderingen van toegezegdpensioenregelingen -52 076 -79 146
Overige herwaarderingsreserves -5 894 -16 905
Uitgestelde belastingen opgenomen in het eigen vermogen 28 014 29 722
In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen 19 343 22 188
Eigen aandelen -73 851 -145 953
Overige reserves -84 394 -187 864
Gecumuleerde omrekeningsverschillen -84 776 -6 149
Totaal overige Groepsreserves -169 170 -194 013
Overgedragen resultaten 1 307 618 1 352 197

De bewegingen in de diverse elementen van de reserves zijn als volgt:

Afdekkingsreserve
2013
in duizend €
2014
Per 1 januari
-1 477
-623
Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening
-3 035
8 651
Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten
3 889
-7 896
Per 31 december
-623
132
Waarvan
Cross-currency interest-rate swaps (op euro-obligatieleningen)
-623
132

Wijzigingen in reële waarde van afdekkingsinstrumenten die worden aangemerkt als effectieve kasstroomafdekkingen worden elk kwartaal berekend en rechtstreeks in het eigen vermogen opgenomen. In overeenstemming met de IFRS-voorschriften voor hedge accounting met betrekking tot kasstroomafdekkingen worden de wisselresultaten als gevolg van de omrekening van de onderliggende schulden tegen slotkoers gecompenseerd door de betrokken bedragen elk kwartaal over te boeken van de afdekkingsreserve naar de winst-enverliesrekening.

Herwaarderingsreserve voor financiële activa beschikbaar voor verkoop
2013
in duizend €
2014
Per 1 januari
10
693
Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening
-10
157
Wijzigingen in reële waarde
693
1 248
Per 31 december
693
2 098
Waarvan
Participatie in Shougang Concord Century Holdings Ltd
596
2 001
Andere
97
97

De herwaardering van de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd is gebaseerd op de slotkoers op de beurs van Hongkong. In 2014 werd een bedrag van € 0,2 miljoen overgeboekt naar de winst-enverliesrekening als gevolg van een bijzondere waardevermindering.

Herwaarderingen van toegezegdpensioenregelingen

2013
in duizend €
2014
Per 1 januari
-72 599
-52 076
Herwaarderingen van de periode
20 747
-27 742
Inflatie-effecten
-224
-269
Wijzigingen in Groepstructuur -
941
Per 31 december
-52 076
-79 146

De herwaarderingen resulteren uit het gebruik van gewijzigde actuariële veronderstellingen bij de bepaling van de toegezegdpensioenverplichtingen en uit verschillen tegenover de werkelijke rendementen van fondsbeleggingen op de balansdatum (zie toelichting 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen').

Overige herwaarderingsreserves

2013
in duizend €
2014
Per 1 januari
-5 894
-5 894
Wijzigingen in Groepstructuur
-
-2 811
Put- optie op aankoop minderheidsbelangen
-
-8 200
Per 31 december
-5 894
-16 905

De wijzigingen in Groepstructuur in 2014 hebben betrekking op de verkoop van minderheidsbelangen in Ideal Alambrec SA (Ecuador) aan ArcelorMittal.

Als onderdeel van de initiële boekhoudkundige verwerking van de bedrijfscombinatie met Maccaferri (zie toelichting 7.2 'Effect van nieuwe bedrijfscombinaties') werd een schuld van € 8,2 miljoen opgenomen tegenover eigen vermogen. Deze schuld vertegenwoordigt de initiële reële waarde van de schuld voortvloeiend uit de putoptie toegekend aan Maccaferri op hun resterende minderheidsbelangen in Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA.

Uitgestelde belastingen opgenomen in het eigen vermogen

in duizend € 2013 2014
Per 1 januari 29 417 28 014
Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat -1 479 1 844
Inflatie-effecten 76 92
Wijzigingen in Groepstructuur - -228
Per 31 december 28 014 29 722

Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat worden eveneens opgenomen in het eigen vermogen (zie toelichting 6.6. 'Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen').

In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen
in duizend €
2013 2014
Per 1 januari 14 987 19 343
Toegekende eigenvermogensinstrumenten 4 356 2 845
Per 31 december 19 343 22 188

Opties toegekend onder het SOP2 en SOP 2010-2014 aandelenoptieplan en warrants toegekend onder het SOP 2005-2009-aandelenoptieplan (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties') worden verwerkt als in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2, 'Op aandelen gebaseerde betalingen'.

Eigen aandelen
in duizend €
2013 2014
Per 1 januari -58 577 -73 851
Ingekochte aandelen -15 274 -72 102
Per 31 december -73 851 -145 953

In 2014 lanceerde de onderneming twee aandeleninkoopprogramma's op de beurs (1) 1 868 033 van de eigen aandelen werden aangekocht tussen juni en september om verwatering door de uitgifte van de converteerbare obligatielening in juni tegen te gaan; (2) 754 300 van de eigen aandelen werden in november en december aangekocht om te anticiperen op de uitoefening van opties toegekend onder de optieplannen (zie toelichting 6.12 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties').

Gecumuleerde omrekeningsverschillen

in duizend € 2013 2014
Per 1 januari -16 087 -84 776
Omrekeningsverschillen op goedgekeurde dividenden -21 153 -5 606
Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening in verband met afgestoten
entiteiten of gefaseerde overnames -463 1 042
Bewegingen ontstaan uit wisselkoersfluctuaties -47 073 83 191
Per 31 december -84 776 -6 149
Waarvan gerelateerd aan entiteiten met volgende functionele valuta's
Chinese renminbi 72 086 123 304
US dollar -6 707 15 994
Braziliaanse real -109 414 -107 398
Chileense peso -311 -1 677
Venezolaanse bolivar -37 342 -38 307
Indische roepie -9 141 -5 620
Tsjechische kroon 6 950 6 587
Andere valuta's -897 968

De schommelingen in omrekeningsverschillen weerspiegelen zowel de wisselkoersevolutie als het relatief gewicht van de nettoactiva opgenomen in de vermelde valuta's.

6.14. Minderheidsbelangen

Nettoboekwaarde
in duizend € 2013 2014
Per 1 januari 181 623 157 600
Wijzigingen in Groepstructuur -74 25 988
Aandeel in het perioderesultaat 11 498 378
Aandeel in andere elementen van het resultaat behalve CTA -604 -338
Uitgekeerde dividenden -12 960 -54 663
Kapitaalverhogingen - 53 399
Herklasseringen -7 171 -
Omrekeningswinsten en -verliezen (-) -14 712 17 057
Per 31 december 157 600 199 421

In 2014 komen de wijzigingen in Groepstructuur voornamelijk voort uit de bedrijfscombinaties met ArcelorMittal (€ 11,2 miljoen), omwille van minderheidsbelangen van 42% die ontstaan in de nieuwe entiteiten in Costa Rica en de verhoging in minderheidsbelangen van 20% naar 42% in de bestaande entiteit in Ecuador. De

bedrijfscombinaties met Pirelli (€ 9,2 miljoen) en Maccaferri (€ 2,8 miljoen) resulteerden eveneens in belangrijke toenames.

Het aandeel in het perioderesultaat werd ongunstig beïnvloed door bijzondere waardeverminderingen in Maleisië en opstartverliezen in Costa Rica, terwijl in het algemeen lagere winsten werden geboekt in Latijns-Amerika. De uitgekeerde dividenden door Inchalam SA en Prodalam SA werden door de Chileense partners aangewend om kapitaalsverhogingen ten belope van € 40,5 miljoen te financieren in Acma Inversiones SA, Prodinsa SA en Procables Wire Ropes SA. Deze kapitaalsverhogingen maken deel uit van een portfolioherschikking geïnitieerd in 2014, waarbij Bekaert begin 2015 zijn aandeel in de kabelactiviteiten in Chili, Peru en Canada zou verhogen van 52% tot 65% (zie toelichting 7.6 'Gebeurtenissen na balansdatum').

In overeenstemming met IFRS 12, 'Informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten', wordt volgende informatie verschaft met betrekking tot dochterondernemingen waarin derden minderheidsbelangen aanhouden die van materieel belang zijn voor de Groep. De bedoeling van IFRS 12 is om van een onderneming bijkomende toelichtingen te vereisen die de lezers van haar jaarrekening toelaten volgende elementen te evalueren: (a) de aard van haar belangen in andere ondernemingen en de daaraan verbonden risico's en (b) de effecten van deze belangen op haar financiële positie, winstgevendheid en kasstromen. Om tegemoet te komen aan deze vereiste, heeft de Groep ervoor gekozen om alle Latijns-Amerikaanse dochterondernemingen te groeperen waarin derden minderheidsbelangen aanhouden. De belangrijkste reden voor deze groepering is dat de Groep vele partnerschappen heeft in Latijns-Amerika, via een veelheid van legale entiteiten, waarvan vele op zich niet genoeg belang hebben om toe te lichten, maar die in totaal 60% uitmaken van de gecumuleerde minderheidsbelangen van de Groep. Bij de groepering van deze informatie werden enkel de intragroepseffecten tussen de opgelijste Latijns-Amerikaanse dochterondernemingen geëlimineerd, terwijl alle andere entiteiten van de Groep als derden werden behandeld.

Dochterondernemingen in Latijns-Amerika waarin
derden minderheidsbelangen aanhouden
Aandeel van
minderheidsbelangen op
jaareinde
Land 2013 2014
Acma Inversiones SA Chili 48,0% 48,0%
Acma SA Chili 48,0% 48,0%
Acmanet SA Chili 48,0% 48,0%
Industrias Acmanet limitada Chili 48,0% 48,0%
Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA Chili 48,0% 48,0%
Procables Wire Ropes SA Chili - 48,0%
Procercos SA Chili - 48,0%
Prodalam SA Chili 48,0% 48,0%
Prodinsa SA Chili 48,0% 48,0%
Productora de Alambres Colombianos - Proalco SAS Colombia 20,0% 20,0%
Bekaert Costa Rica SA Costa Rica 19,8% 41,6%
BIA Alambres Costa Rica SA Costa Rica - 41,6%
Ideal Alambrec SA Ecuador 20,0% 41,6%
Impala SA Panama 48,0% 48,0%
Productos de Acero Cassadó SA Peru 62,5% 62,5%
Prodac Contrata SAC Peru 62,5% 62,5%
Prodac Selva SAC Peru 62,5% 62,5%
Procables SA Peru 50,0% 50,0%
InverVicson SA Venezuela 20,0% 20,0%
Vicson SA Venezuela 20,0% 20,0%

Vicson SA (Venezuela) is gebonden aan beperkingen op de repatriatie van geldmiddelen vanwege de regulering van deviezenverkeer in Venezuela.

De voornaamste activiteit van de belangrijkste entiteiten hierboven opgesomd is de productie en verkoop van draad, kabel en andere draadproducten, hoofdzakelijk voor de lokale markt. Volgende entiteiten zijn in wezen holdings, met belangen in een of meerdere andere entiteiten uit bovenstaande lijst: Acma Inversiones SA, Industrias Acmanet limitada, Procables Wire Ropes SA, Procercos SA en Impala SA.

Perioderesultaat
toerekenbaar aan
minderheidsbelangen
Eigen vermogen toerekenbaar
aan minderheidsbelangen
in duizend € 2013 2014 2013 2014
Dochterondernemingen in Latijns-Amerika waarin derden
minderheidsbelangen aanhouden 11 045 5 989 106 124 124 940
Dochterondernemingen in Latijns-Amerika waarin derden minderheidsbelangen
aanhouden
in duizend € 2013 2014
Vlottende activa 264 583 334 908
Vaste activa 193 319 238 381
Verplichtingen op ten hoogste een jaar 178 745 256 115
Verplichtingen op meer dan een jaar 51 222 60 234
Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep 121 811 132 000
Eigen vermogen toerekenbaar aan
minderheidsbelangen 106 124 124 940

2013 2014 Omzet 637 563 605 042 Kosten -615 373 -594 997 Perioderesultaat 22 190 10 045 Perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep 11 145 4 056 Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen 11 045 5 989 Andere elementen van het resultaat -9 258 20 631 -344 10 098 -8 914 10 533 Volledig perioderesultaat 12 932 30 676 10 801 14 154 2 131 16 522 Uitbetaalde dividenden aan minderheidsbelangen -17 068 -54 191 Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten 49 451 15 237 -16 073 -30 979 -37 790 22 647 Nettokasinstroom (-uitstroom) -4 412 6 905 Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten Dochterondernemingen in Latijns-Amerika waarin derden minderheidsbelangen aanhouden in duizend € Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan de Groep Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan de Groep Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen

6.15. Voorzieningen voor personeelsbeloningen

Per 31 december 2014 bedroegen de totale nettovoorzieningen voor personeelsbeloningen € 297,7 miljoen (€ 257,7 miljoen per jaareinde 2013), met volgende samenstelling:

in duizend € 2013 2014
Voorzieningen voor
Toegezegdpensioenregelingen 134 089 169 651
Andere langetermijnpersoneelsbeloningen 2 418 2 779
In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen 1 333 1 675
Kortetermijnpersoneelsbeloningen 101 111 107 432
Ontslagvergoedingen 18 768 16 170
Totaal voorzieningen in de balans 257 719 297 707
waarvan
Verplichtingen op meer dan een jaar 136 602 175 774
Verplichtingen op ten hoogste een jaar 121 117 121 933
Activa voor
Toegezegdpensioenregelingen - -21
Totaal activa in de balans - -21
Totaal nettovoorzieningen 257 719 297 686

Vergoedingsregelingen na uitdiensttreding

In overeenstemming met IAS 19, 'Personeelsbeloningen', worden vergoedingsregelingen na uitdiensttreding opgedeeld in toegezegdebijdragenregelingen en toegezegdpensioenregelingen.

Toegezegdebijdragenregelingen

Bij toegezegdebijdragenregelingen of defined-contribution (DC) plans betaalt Bekaert bijdragen aan publieke of private pensioenfondsen of aan verzekeringsmaatschappijen. Eenmaal de bijdragen zijn betaald, heeft de Groep geen verdere betalingsverplichtingen. Deze bijdragen worden ten laste genomen van de periode waarin de verplichting ontstaat.

De Belgische toegezegdebijdragenregelingen voor pensioenen zijn bij wet onderworpen aan gewaarborgde minimumrendementen, momenteel 3,25 % voor de werkgeversbijdragen (na kosten) en 3,75 % voor de werknemersbijdragen. Die rendementen, die gelden als een gemiddelde over de volledige loopbaan van de werknemer, kunnen worden aangepast door een Koninklijk Besluit. In dat geval zullen de nieuwe minima worden toegepast op zowel de gecumuleerde bijdragen van het verleden als op de toekomstige bijdragen vanaf de datum van aanpassing. Deze regelingen die gefinancieerd zijn door groepsverzekeringen, werden in wezen verwerkt als toegezegdebijdragenregelingen onder IAS 19. Op balansdatum werd echter een verplichting van € 0,01 miljoen opgenomen, zijnde het positief verschil tussen de gewaarborgde minimumreserves en de actuele gecumuleerde reserves. De lopende groepsverzekeringsplannen waarvoor nog bijdragen zullen worden betaald, beschikken over individuele reserves ten belope van € 51,9 miljoen op balansdatum. Op 31 december 2014 hebben deze plannen een gewogen gemiddeld gewaarborgd rendement van 3,42 %.

In Nederland neemt Bekaert deel aan een collectieve toegezegdpensioenregeling van meerdere werkgevers die gefinancierd wordt via het Pensioenfonds Metaal & Techniek. Deze regeling wordt geclassificeerd als toegezegdebijdragenregeling omdat er geen informatie beschikbaar is met betrekking tot de fondsbeleggingen toerekenbaar aan Bekaert. De bijdragen met betrekking tot deze regeling bedroegen € 0,8 miljoen (2013: € 0,7 miljoen).

Toegezegdebijdragenregelingen
2013
in duizend €
2014
Opgenomen kosten
13 476
12 304

Daarvan was € 4,7 miljoen voor Belgische pensioenplannen (2013: € 5,9 miljoen).

Toegezegdpensioenregelingen

Meerdere ondernemingen van de Groep voorzien in toegezegdpensioenregelingen of defined-benefit (DB) plans voor pensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding. Dergelijke regelingen gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op hun bezoldiging en aantal dienstjaren.

De recentste actuariële waarderingen onder IAS 19 daterend van 31 december 2014 werden voor alle significante toegezegdpensioenregelingen na uitdiensttreding uitgevoerd door onafhankelijke actuarissen. In België en de

Verenigde Staten bevinden zich de belangrijkste toegezegdpensioenregelingen voor de Groep. Zij vertegenwoordigen 83,6 % (2013: 85,7 %) van de brutoverplichtingen en 99,7 % (2013: 99,8 %) van de fondsbeleggingen van de Groep.

Regelingen in België

De pensioenregelingen vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 114,2 miljoen (2013: € 98,2 miljoen) en € 93,1 miljoen activa (2013: € 84,4 miljoen). Ze voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering en in geval van overlijden of invaliditeit voorafgaand aan pensionering. Deze regelingen worden extern gefinancierd door twee instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP) in eigen beheer. Op regelmatige basis wordt een Asset Liability Matching (ALM) studie uitgevoerd, waarin de gevolgen van strategische investeringsrichtlijnen worden geanalyseerd in termen van risico-en-rendementsprofielen. Uit deze studie worden de investeringsprincipes en het financieringsbeleid afgeleid. Het is de bedoeling de beleggingen afdoende te diversifiëren teneinde het risico onder controle te houden. De investerings- en aansprakelijkheidsrisico's worden op kwartaalbasis opgevolgd. De financieringspolitiek heeft als doel om minstens volledig gefinancierd te zijn in termen van statutaire minimumvereisten (dit is een voorzichtige schatting van de pensioenverplichtingen).

Andere regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op brugpensioenen (brutoverplichting € 28,8 miljoen (2013: € 32,4 miljoen)), die niet extern zijn gefinancierd. Een bedrag van € 8,6 miljoen (2013: € 8,3 miljoen) heeft betrekking op werknemers in actieve dienst die nog geen brugpensioenovereenkomst hebben afgesloten.

Regelingen in de Verenigde Staten

De pensioenregelingen vertegenwoordigen een brutoverplichting van € 134,7 miljoen (2013: € 97,9 miljoen) en € 84,5 miljoen activa (2013: € 64,7 miljoen) en zijn extern gefinancierd. De plannen voorzien in levenslange rentebetalingen aan de deelnemers, maar werden gesloten voor nieuwe deelnemers. De activa zijn geïnvesteerd in obligaties en in aandelen. Op basis van een Asset Liability Matching studie werd de allocatie van de activa verschoven naar meer obligaties met langere looptijd. De financieringspolitiek is erop gericht om voldoende gefinancierd te zijn in termen van de vereisten van de Pension Protection Act, om te vermijden dat er uitkeringsbeperkingen van kracht worden of dat de regelingen een at risk-status verwerven.

Andere regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op medische zorgen (brutoverplichting € 5,2 miljoen (2013: € 4,8 miljoen)), die niet extern gefinancierd zijn.

Volgende bedragen werden opgenomen in de balans:

in duizend € 2013 2014
België
Contante waarde van gefinancierde verplichtingen 98 199 114 166
Reële waarde van de fondsbeleggingen -84 448 -93 145
Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen 13 751 21 021
Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen 38 874 32 154
Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen 52 625 53 175
Verenigde Staten
Contante waarde van gefinancierde verplichtingen 97 901 134 726
Reële waarde van de fondsbeleggingen -64 655 -84 489
Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen 33 246 50 237
Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen 7 902 9 611
Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen 41 148 59 848
Andere
Contante waarde van gefinancierde verplichtingen 437 868
Reële waarde van de fondsbeleggingen -225 -512
Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen 212 356
Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen 40 104 56 251
Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen 40 316 56 607
Totaal
Contante waarde van gefinancierde verplichtingen 196 537 249 760
Reële waarde van de fondsbeleggingen -149 328 -178 146
Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen 47 209 71 614
Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen 86 880 98 016
Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen 134 089 169 630

De evolutie van de brutoverplichting, de fondsbeleggingen en de nettovoorziening en -vordering over het jaar zijn als volgt:

verplichting
beleggingen
vorderingen (-)
in duizend €
Per 1 januari 2013
328 008
-160 113
167 896
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten
10 812
-
10 812
Pensioenkosten van verstreken diensttijd
-16
-
-16
Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen
1 094
-
1 094
Rentelasten / -opbrengsten (-)
11 054
-5 309
5 746
Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat
22 943
-5 309
17 635
Componenten opgenomen in EBIT
11 889
Componenten opgenomen in het financieel resultaat
5 746
Herwaarderingen
Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering
van bedragen opgenomen in de rentelasten /
-opbrengsten (-)
-
-5 518
-5 518
Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische
assumpties
205
-
205
Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële
assumpties
-15 680
-
-15 680
Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen
-741
-
-741
Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen
-16 216
-5 518
-21 734
Bijdragen
Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen
-
-22 752
-22 752
Werknemersbijdragen
135
-135
-
Uitbetalingen van het plan
Uitbetaalde vergoedingen
-26 461
26 461
-
Vergoedingen bij afwikkeling
-14 361
14 361
-
Afstotingen
-1 062
623
-439
Effecten van omrekening van vreemde valuta
-9 567
3 051
-6 516
Per 31 december 2013
283 419
-149 330
134 089
Per 1 januari 2014
283 419
-149 330
134 089
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten
10 777
-
10 777
Pensioenkosten van verstreken diensttijd
2 203
-
2 203
Rentelasten / -opbrengsten (-)
11 130
-5 856
5 274
Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat
24 110
-5 856
18 254
Componenten opgenomen in EBIT
12 980
Componenten opgenomen in het financieel resultaat
5 274
Herwaarderingen
Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering
van bedragen opgenomen in de rentelasten /
-opbrengsten (-)
-
-10 288
-10 288
Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische
assumpties
7 699
-
7 699
Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële
assumpties
30 134
-
30 134
Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen
873
-
873
Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen
38 706
-10 288
28 418
Bijdragen
Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen
-
-28 482
-28 482
Werknemersbijdragen
132
-132
-
Uitbetalingen van het plan
Uitbetaalde vergoedingen
-25 722
25 722
-
Acquisities
8 991
-
8 991
Effecten van omrekening van vreemde valuta
18 140
-9 779
8 360
Per 31 december 2014
347 776
-178 146
169 630
Netto
Bruto Fonds voorzieningen/

De pensioenkosten van verstreken diensttijd hebben voornamelijk betrekking op gezondheidszorgregelingen na uitdiensttreding in Ecuador. In de winst-en-verliesrekening worden zowel de pensioenkosten toegerekend aan het dienstjaar als van verstreken diensttijd, inclusief de winsten en verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT). De nettorentelast of -opbrengst maakt deel uit van de rentelasten, onder rentegedeelte van rentedragende voorzieningen.

Restitutierechten voortkomend uit herverzekeringscontracten met betrekking tot pensioenen, overlijdens- en invaliditeitsvergoedingen in Duitsland bedragen € 0,3 miljoen (2013: € 0,3 miljoen).

Voor 2015 worden volgende bijdragen en uitbetaalde vergoedingen verwacht:

Verwachte bijdragen en uitbetaalde vergoedingen
-- -- -- -------------------------------------------------
in duizend € 2015
Pensioenregelingen 25 955
Totaal 25 955

De reële waarde van de fondsbeleggingen per 31 december was als volgt samengesteld:

in duizend € 2013 2014
België
Obligaties
Euro staatsobligaties 20 421 15 093
Euro bedrijfsobligaties 18 145 27 576
Aandelen
Euro aandelen 26 907 28 204
Niet-euro aandelen 15 322 17 877
Cash 3 653 4 395
Totaal België 84 448 93 145
Verenigde Staten
Obligaties
USD langetermijnobligaties 34 432 45 711
USD vastrentende effecten 4 326 8 367
USD gewaarborgde deposito's 5 270 5 445
Aandelen
USD aandelen 14 575 17 726
Niet-USD aandelen 6 052 7 241
Totaal Verenigde Staten 64 655 84 489
Andere
Obligaties 225 512
Totaal Andere 225 512
Totaal 149 328 178 146

In de Verenigde Staten wordt voornamelijk geïnvesteerd via beleggingsfondsen en gekantonneerde fondsen van verzekeringsmaatschappijen in genoteerde aandelen en obligaties. In België wordt voornamelijk belegd via beleggingsfondsen in genoteerde aandelen en obligaties. De beleggingen zijn afdoende gediversifieerd zodat een faling van één enkele belegging geen materiële impact zou hebben op het globale niveau van de activa. De fondsbeleggingen van de Groep omvatten geen directe positie in Bekaertaandelen of –obligaties, noch vastgoed dat wordt gebruikt door een Bekaertentiteit.

De voornaamste actuariële veronderstellingen op balansdatum (gewogen gemiddelden gebaseerd op uitstaande brutoverplichtingen) zijn:

Actuariële veronderstellingen 2013 2014
Disconteringsvoet 4,0% 3,1%
Jaarlijkse verhoging van bezoldigingen 3,4% 3,3%
Onderliggende inflatie 2,5% 2,5%
Toename gezondheidszorgkost (initieel) 6,8% 6,5%
Toename gezondheidszorgkost (uiteindelijk) 5,0% 5,0%
Gezondheidszorg (jaren voor het bereiken van het uiteindelijke percentage) 7 6

De disconteringsvoet voor de Verenigde Staten en België is een weerspiegeling van zowel de huidige renteomgeving als van de specifieke karakteristieken van de planverplichtingen. In eerste instantie worden de geprojecteerde toekomstige uitbetalingen gekoppeld aan de toepasselijke contantkoersen, op basis waarvan de contante waarde berekend wordt. Daarna wordt teruggerekend wat de gemiddelde disconteringsvoet is die eenzelfde contante waarde oplevert. De contantkoersen worden afgeleid van een rentecurve gebaseerd op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een AA-kredietstatus uitgegeven in de munt van de toepasselijke regionale

Disconteringsvoet 2013 2014
België 3,1% 1,8%
Verenigde Staten 4,7% 3,9%
Overige 5,3% 4,7%

Assumpties met betrekking tot toekomstige sterfte zijn gebaseerd op actuarieel advies in overeenstemming met gepubliceerde statistieken en ervaring voor elke regio. Deze assumpties worden vertaald in een gemiddelde levensverwachting in jaren voor een gepensioneerde die uit dienst treedt op de leeftijd van 65:

2013 2014
Levensverwachting voor een man van 65 (jaren)op de balansdatum 19,3 21,5
Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) op de balansdatum 21,3 23,9
Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum 20,0 22,4
Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum 21,9 24,8

Sterftekansen voor de plannen in de Verenigde Staten werden aangepast op 31 december 2014 naar de geslachtsafhankelijke sterftetabellen RP 2014 (met aanpassingen voor arbeiders indien van toepassing) en generationeel geprojecteerd volgens de prospectieve schaal MP2014.

Een sensitiviteitsanalyse levert volgende effecten op:

markt. Dit resulteert in de volgende disconteringsvoeten:

Sensitiviteitsanalyse
in duizend €
Wijziging in
veronder
stelling
Impact op toegezegd
pensioenregelingen
Disconteringsvoet -0,50% Stijging met 19 505 5,9%
Salarisstijging 0,50% Stijging met 9 514 2,9%
Gezondheidszorgkost 0,50% Stijging met 291 0,1%
Levensverwachting Stijging met
1 jaar
Stijging met 3 627 1,1%

Bij bovenstaande sensitiviteitsanalyse werden alle andere veronderstellingen constant gehouden.

De Groep is, door zijn toegezegdpensioenregelingen, blootgesteld aan een aantal risico's, waarvan de belangrijkste hieronder zijn toegelicht:

Volatiliteit van de activa De verplichtingen van het plan worden berekend met behulp van een disconteringsvoet
gebaseerd op bedrijfsobligatierendementen; wanneer de fondsbeleggingen dit rendement niet
behalen, zal dit een tekort veroorzaken.
Wijzigingen in obligatie
rendementen
Een afname van de rendementen op bedrijfsobligaties leidt tot een toename van de
verplichtingen, hoewel dit gedeeltelijk zal worden gecompenseerd door een waardestijging van
de obligaties in portefeuille.
Salarisrisico De brutoverplichtingen van de meeste regelingen worden berekend op basis van de toekomstige
verloning van de deelnemers. Bij gevolg zal een hoger dan verwachte salarisstijging leiden tot
hogere verplichtingen.
Langlevenrisico Belgische pensioenplannen voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij
pensionering. Zodoende is er weinig of geen langlevenrisico. Pensioenplannen in de Verenigde
Staten voorzien in voordelen voor de deelnemers zolang zij leven, dus zal een toename in
levensverwachting resulteren in een toename van de planverplichtingen.

De gewogen gemiddelde vervaltermijnen van de brutoverplichtingen waren als volgt:

België 11,03
Verenigde Staten 13,54
Andere 9,18
Totaal 11,92

Andere langetermijnpersoneelsbeloningen

De andere langetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op jubileumpremies.

Op aandelen gebaseerde personeelsbeloningen

De Groep kent aan bepaalde werknemers Stock Appreciation Rights (SARs) toe die hen het recht geven om op de uitoefendag de intrinsieke waarde van de SARs te ontvangen. Deze SARs worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingstransacties in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel als voor de in eigenvermogenselementen afgewikkelde aandelenoptieplannen (zie toelichting 6.12. 'Gewone aandelen, eigen aandelen, warrants en aandelenopties'). Gebaseerd op de lokale regulering, is de uitoefenprijs voor elke toekenning onder de SAR-plannen in de VS gelijk aan de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de onderneming gedurende de dertig dagen volgend op de datum van het aanbod. De uitoefenprijs van de andere SAR-plannen is bepaald op dezelfde wijze als voor de in eigenvermogenselementen afgewikkelde aandelenoptieplannen: als de laagste waarde van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de onderneming gedurende dertig dagen voorafgaand aan de datum van het aanbod, en (ii) de laatste slotkoers voorafgaand aan de datum van het aanbod.

Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 26,35 (2013: € 25,72), verwachte volatiliteit van 39% (2013: 39%), een verwacht dividend van 3,0% (2013: 3,0%), een wachtperiode van 3 jaar, een gemiddelde contractduur van 10 jaar, een uitstroom van personeel van 4% in Azië (2013: 6%) en 3% in andere landen (2013: 3%) en een uitoefenfactor van 1,40 (2013: 1,40). De input voor de risicovrije rente varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO's1 met een looptijd gelijk aan de looptijd van de bewuste SAR-toekenning.

1 Obligation Linéaire / Lineaire Obligatie

De uitoefenprijzen en reële waardes van de uitstaande SARs per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:

Details van VS SAR-plannen per toekenning Reële waarde per Reële waarde per
in € Uitoefenprijs 31 dec 2013 31 dec 2014
Toekenning 2007 25,03 2,91 -
Toekenning 2008 28,76 3,54 2,66
Toekenning 2009 16,58 9,25 9,60
Toekenning 2010 37,05 3,31 2,83
Toekenning 2011 83,43 1,60 1,21
Toekenning 2012 27,63 6,22 5,73
Toekenning 2013 22,09 8,24 7,88
Exceptionele toekenning 2013 22,51 9,22 8,80
Toekenning 2014 25,66 - 7,18
Toekenning 20151 25,45 - 7,46
Details van andere SAR-plannen per toekenning
in €
Uitoefenprijs Reële waarde per
31 dec 2013
Reële waarde per
31 dec 2014
Toekenning 2007 30,17 3,87 3,37
Toekenning 2008 28,33 4,80 4,52
Toekenning 2009 16,66 9,37 9,73
Toekenning 2010 33,99 4,37 4,17
Toekenning 2011 77,00 1,73 1,34
Toekenning 2012 25,14 6,68 6,23
Toekenning 2013 19,20 9,05 9,02
Exceptionele toekenning 2013 21,45 9,56 9,11
Toekenning 2014 25,38 - 7,08
Toekenning 20151 26,06 - 7,05

1 De reële waarde van deze toekenning werd bepaald op de datum van toekenning. Zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'.

Op 31 december 2014 bedroeg de totale verplichting voor de VS SAR plannen € 0,8 miljoen (2013: € 0,8 miljoen), terwijl de totale verplichting voor andere SAR plannen € 0,9 miljoen bedroeg (2013: € 0,5 miljoen).

De Groep nam een totaal verlies van € 0,2 miljoen op (2013: verlies van € 0,7 miljoen) tijdens het jaar in verband met SARs.

Kortetermijnpersoneelsbeloningen

Kortetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op verplichtingen voor verloning en sociale zekerheid die volledig betaalbaar zijn binnen de 12 maanden na het einde van de periode waarin werknemers de gerelateerde prestaties verrichten.

6.16. Overige voorzieningen

Herstruc Deelneminge
in duizend € turering Geschillen Milieu n Overige Totaal
Per 1 januari 2014 13 008 5 386 42 698 - 3 330 64 422
Bijkomende voorzieningen 1 246 3 741 505 - 7 253 12 745
Terugnemingen ongebruikte bedragen -2 662 -1 919 -8 043 - -1 277 -13 901
Toename in contante waarde - - - 72 641 713
Opgenomen in de winst-en
verliesrekening -1 416 1 822 -7 538 72 6 617 -443
Eerste consolidatie - - - 8 200 12 738 20 938
Aanwendingen van het jaar -5 939 -2 114 -2 192 - -30 -10 275
Omrekeningswinsten (-) en -verliezen 136 122 121 - 1 216 1 595
Per 31 december 2014 5 789 5 216 33 089 8 272 23 871 76 237
Waarvan
op ten hoogste een jaar 5 656 2 935 3 776 - 8 126 20 493
op meer dan een jaar 133 2 281 29 313 8 272 15 745 55 744

De afname van de voorzieningen voor herstructurering heeft voornamelijk betrekking op de sluiting van een fabriek in Surrey, Canada en op eerder aangekondigde programma's in EMEA. De meeste van de herstructureringsprogramma's zullen naar verwachting in de loop van 2015 afgewerkt worden.

Voorzieningen voor geschillen houden in hoofdzaak verband met productkwaliteitsklachten en productgaranties in meerdere entiteiten. De meeste van de hangende klachten zullen waarschijnlijk afgewikkeld worden in het komende jaar.

Milieuvoorzieningen hebben voornamelijk betrekking op vestigingen in EMEA. De verwachte bodemsaneringskosten worden elk jaar opnieuw geschat op basis van een extern expertiserapport. Het is onzeker wanneer de kosten zullen gemaakt worden, want dit hangt vaak af van beslissingen inzake de bestemming van de sites. In het kader van verkooptransacties werden saneringsverplichtingen overgedragen aan de koper. De overeenkomstige voorzieningen werden teruggenomen als ongebruikte bedragen. Overige afnames zijn in lijn met een herschatting van risico's die in voorgaande jaren werden opgenomen.

De provisie voor beleggingen heeft betrekking op een put-optie voor een minderheidsbelang in een deelneming. (zie toelichting 6.13 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves' en 7.2 'Effect van bedrijfscombinaties').

De 'Eerste consolidatie' in overige voorzieningen heeft voornamelijk betrekking op het effect van het langetermijn leveringscontract voor walsdraad (dat verloopt in 2022) als deel van de overeenkomst tussen Bekaert en ArcelorMittal (€ 8,3 miljoen) en een voorziening voor belastingen in het kader van de acquisitie van de Pirelli staalkoordfabriek in Sumaré (Brazilië).

6.17. Rentedragende schulden

Hieronder volgt informatie over de contractuele vervaltermijnen van de rentedragende schulden van de Groep, zowel op ten hoogste een jaar als op meer dan een jaar:

2014
in duizend €
Vervallend
binnen het jaar
Vervallend
over meer
dan 1 en ten
hoogste 5 jaar
Vervallend
over meer
dan 5 jaar
Totaal
Rentedragende schulden
Financiële leasing 76 513 959 1 548
Kredietinstellingen 341 293 84 353 508 426 154
Obligatieleningen 100 183 500 000 45 614 645 797
Converteerbare obligatieleningen - 278 127 - 278 127
Nettoboekwaarde 441 552 862 993 47 081 1 351 626
Waardeaanpassingen 7 584 - - 7 584
Totaal financiële schulden 449 136 862 993 47 081 1 359 210
Vervallend
2013
in duizend €
Vervallend
binnen het jaar
over meer
dan 1 en ten
hoogste 5 jaar
Vervallend
over meer
dan 5 jaar
Totaal
Rentedragende schulden
Financiële leasing 69 127 - 196
Kredietinstellingen 217 452 41 385 - 258 837
Obligatieleningen 104 386 601 118 45 614 751 118
Nettoboekwaarde 321 907 642 630 45 614 1 010 151
Waardeaanpassingen - -6 245 - -6 245
Totaal financiële schulden 321 907 636 385 45 614 1 003 906

De totale financiële schulden zijn hoofdzakelijk gestegen door de uitgifte van een converteerbare obligatielening van € 300 miljoen in juni 2014 voor de financiering van de Pirelli-deal. De karakteristieken van deze obligatielening zijn van die aard dat, in overeenstemming met IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering', deze wordt opgedeeld in twee componenten in de balans: (1) het basiscontract of de plain vanillaschuld (d.i. zonder conversie-optie) tegen geamortiseerde kostprijs en (2) het in het contract besloten derivaat, d.i. de conversie-optie tegen reële waarde via het resultaat.

In principe gaan entiteiten van de Groep leningen aan in hun lokale valuta om valutarisico's te vermijden. Als de financiering in een andere valuta gebeurt, zonder enige compenserende balanspositie, dekken de entiteiten het valutarisico af door middel van derivaten (cross-currency interest-rate swaps of termijnwisselcontracten). Sommige van deze afdekkingstransacties zijn aangemerkt als reëlewaardeafdekkingen of kasstroomafdekkingen. Obligatieleningen, commercial paper en schulden tegenover kredietinstellingen zijn niet gewaarborgd, met uitzondering van een nieuw factoring programma dat opgezet is met KBC en BNP Paribas Fortis voor NV Bekaert SA.

Voor meer informatie over het beheer van financiële risico's verwijzen wij naar toelichting 7.3. 'Beheer van financiële risico's en derivaten'.

Berekening van de nettoschuld

De schuldberekening van de Groep toont het bedrag dat dient terugbetaald te worden en houdt daarbij rekening met afdekking door een derivaat, waardoor het bedrag niet altijd overeenkomt met de financiële verplichting in de balans. De Euro-obligatielening uitgeschreven door Bekaert Corporation (VS) in 2005 werd geswapt naar een USD-schuld door middel van CCIRSs, die ofwel als reëlewaardeafdekkingen ofwel als kasstroomafdekkingen werden aangemerkt. In de schuldberekening van Bekaert worden 'waardeaanpassingen' verwerkt in de nettoboekwaarde van deze obligatielening als gevolg van de omrekening tegen contantkoers, bijgevolg geëlimineerd voor het deel aangemerkt als kasstroomafdekking en van de reëlewaardeaanpassing, voor het deel aangemerkt als reëlewaardeafdekking. Het derivaat dat de in de converteerbare obligatie besloten conversieoptie (€ 7,9 miljoen) vertegenwoordigt, is niet inbegrepen in de nettoschuld. De volgende tabel geeft een overzicht van de berekening van de nettoschuld.

in duizend € 2013 2014
Rentedragende schulden op meer dan een jaar 688 244 910 074
Waardeaanpassingen -6 245 7 584
Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar 321 907 441 552
Totaal financiële schulden 1 003 906 1 359 210
Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar -21 421 -19 551
Leningen op ten hoogste een jaar -6 440 -13 998
Geldbeleggingen -10 172 -14 160
Geldmiddelen en kasequivalenten -391 857 -458 542
Nettoschuld 574 016 852 959

6.18. Overige verplichtingen op meer dan een jaar

Nettoboekwaarde
2013
in duizend €
2014
Overige schulden op meer dan een jaar 187 815
Derivaten (zie toelichting 7.3.)
2 400
7 921
Totaal
2 587
8 736

De derivaten hebben betrekking op het financieel instrument dat besloten zit in de converteerbare obligatielening die werd uitgegeven in de loop van 2014 (zie toelichtingen 6.17 en 7.3).

6.19. Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar

Nettoboekwaarde
in duizend € 2013 2014
Overige verplichtingen 8 229 5 849
Derivaten (zie toelichting 7.3.) 9 964 49 240
Ontvangen voorschotten 8 717 5 106
Overige belastingen 34 979 34 303
Overlopende rekeningen (passief) 20 597 20 078
Totaal 82 486 114 576

De derivaten bevatten termijnwisselcontracten (€ 7,6 miljoen (2013: € 7,9 miljoen)) en CCIRSs (€ 41,4 miljoen (2013: € 2,0 miljoen)). Overige belastingen hebben in hoofdzaak betrekking op BTW, afhoudingen op lonen en wedden en andere dan winstbelastingen. De toe te rekenen kosten in de overlopende rekeningen (passief) bestaan voornamelijk uit rentelasten op rentedragende schulden (€ 13,1 miljoen (2013: € 14,2 miljoen)).

7. Diverse elementen

7.1. Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht

Samenvatting
in duizend € 2013 2014
Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten 305 763 186 949
Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten -71 966 -225 347
Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten -192 416 87 945
Toename of afname in geldmiddelen en kasequivalenten 41 381 49 547

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode, in tegenstelling tot de directe methode. Deze laatste methode is gericht op het classificeren van bruto contante ontvangsten en bruto contante betalingen per categorie.

Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten

Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten zijn toegenomen met € 27,0 miljoen, hoofdzakelijk door verbeterde operationele prestaties en lagere betaalde winstbelastingen. De evolutie van de posten zonder kasstroomeffect reflecteert een toename in afschrijvingen en waardeverminderingen, hogere bijzondere waardeverminderingen en een afname van de toevoegingen aan voorzieningen. Informatie over bewegingen in voorzieningen is ook te vinden in toelichtingen 6.15. 'Voorzieningen voor personeelsbeloningen' en 6.16. 'Overige voorzieningen'. Negatieve goodwill heeft betrekking op de bedrijfscombinatie met ArcelorMittal in Costa Rica, Brazilië en Ecuador.

Investeringsposten omvatten voornamelijk winsten uit de verkoop van terreinen en gebouwen in België en machines in Canada. Deze posten worden voorgesteld als onderdeel van de inkomsten uit de verkoop van materiële vaste activa onder 'overige kasstromen uit investeringen'. De 'bewegingen in overige vlottende activa en overige verplichtingen' worden hoofdzakelijk veroorzaakt door de vordering die werd opgenomen voor de verzekeringsuitkering voor de brand in Rome (Georgia, VS).

Volgende tabel toont meer details in verband met geselecteerde bedrijfskasstromen:

Details van geselecteerde bedrijfskasstromen
in duizend € 2013 2014
Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat
Afschrijvingen en waardeverminderingen 151 071 164 610
Bijzondere waardeverminderingen op activa 8 650 16 962
Winst (-) of verlies bij gefaseerde overnames - -1 804
Voorzieningen voor personeelsbeloningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte
bedragen 13 499 16 242
Overige voorzieningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte bedragen 15 771 -1 156
Negatieve goodwill - -10 893
CTA overgeboekt naar resultaat bij afstoten van activiteiten -463 1 041
In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen 4 356 2 845
Totaal 192 884 187 847
Investeringsposten verwerkt in bedrijfsresultaat
Winst (-) of verlies bij verkoop van activiteiten -718 122
Winst (-) of verlies bij verkoop van immateriële vaste activa 295 -
Winst (-) of verlies bij verkoop van materiële vaste activa 903 -8 179
Totaal 480 -8 057
Terugname gebruikte bedragen op voorzieningen voor personeelsbeloningen en
overige voorzieningen
Voorzieningen voor personeelsbeloningen: gebruikte bedragen -33 230 -34 177
Overige voorzieningen: gebruikte bedragen -12 099 -10 275
Totaal -45 329 -44 452
Betaalde winstbelastingen
Actuele winstbelastingen -64 381 -57 276
Toename of afname (-) in nettoverplichtingen m.b.t. winstbelastingen 12 874 11 449
Totaal -51 507 -45 827
Overige bedrijfskasstromen
Bewegingen in overige vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar -9 382 -20 228
Overige 2 856 1 034
Totaal -6 526 -19 194

Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten

De kasuitgaven voor nieuwe bedrijfscombinaties zijn bijna uitsluitend toe te schrijven aan de acquisitie van de Pirelli staalkoordactiviteiten (zie toelichting 7.2 'Effect van bedrijfscombinaties'). De Braziliaanse joint ventures genereerden hogere dividendinkomsten in vergelijking met 2013. Bekaert verwierf de intellectuele eigendom van Pirelli voor een bedrag van € 15 miljoen. Na een tijdelijke vertraging in 2013 werden investeringsprogramma's in alle regio's opnieuw opgevoerd.

In 2014 komen de inkomsten uit de verkoop van materiële vaste activa hoofdzakelijk voort uit de verkoop van terreinen en gebouwen in Aalter (België), en materiële vaste activa in Surrey (Canada).

Volgende tabel toont meer details in verband met geselecteerde investeringskasstromen:

2013
in duizend €
2014
Overige investeringskasstromen
Inkomsten uit verkoop van immateriële activa
3 166
-
Inkomsten uit verkoop van materiële vaste activa
1 308
15 846
Totaal
4 474
15 846

Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten

De belangrijkste gebeurtenis in de financieringsactiviteiten betreft de uitgifte van een converteerbare obligatielening van € 300 miljoen in juni 2014 om de acquisitie van de Pirelli staalkoordactiviteiten te financieren. De onderneming heeft een terugkoopprogramma voor aandelen gelanceerd voor een totaal bedrag van € 52 miljoen om mogelijke verwatering tegen te gaan die zou kunnen voortkomen uit de conversie van alle obligaties. Een tweede schijf van aandelen werd teruggekocht voor een waarde van € 20 miljoen, hoofdzakelijk in het kader van de aandelenoptieplannen. Er werden dividenden uitgekeerd aan minderheidspartners in China, Ecuador, Peru en Chili. Aangezien de dividenden die uitgekeerd werden aan de Chileense partners, grotendeels zijn teruggevloeid als kapitaalsverhogingen in de kabelactiviteiten, werden beiden gesaldeerd in de voorstelling van het kasstroomoverzicht. In 2014 werd een portfolioherschikking geïnitieerd, waarbij Bekaert haar aandeel in de kabelactiviteiten, in mede-eigendom met de Chileense partners, begin 2015 verhoogd heeft van 52% tot 65% (zie toelichting 7.6 'Gebeurtenissen na balansdatum'. Volgende tabel toont meer details in verband met geselecteerde financieringskasstromen:

Details van geselecteerde financieringskasstromen

in duizend € 2013 2014
Overige financieringsstromen
Nieuwe aandelen uitgegeven voor uitgeoefende warrants 1 048 779
Deelname van minderheidsaandeelhouders in kapitaalverhoging - 4 222
Toename (-) of afname van kort- en langlopende leningen en financiële vorderingen 5 484 -8 776
Toename (-) of afname van financiële activa op ten hoogste een jaar 94 455 -2 896
Overige financiële opbrengsten en lasten 2 018 -11 548
Totaal 103 005 -18 219

7.2. Effect van bedrijfscombinaties

Bedrijfscombinaties (1): de deal met ArcelorMittal in Costa Rica, Brazilië en Ecuador

Op 10 december 2013 maakte Bekaert bekend dat het een overeenkomst getekend had met ArcelorMittal omtrent de bouw van een nieuwe Dramix® fabriek in Costa Rica, de verwerving van een meerderheidsparticipatie in de ArcelorMittal staaldraadfabriek in Costa Rica en de verhoging van zijn participatie in de Cimaf kabelfabriek in Brazilië van 45% tot 100%. De overeenkomst werd gefinaliseerd op 30 april 2014 bij de ondertekening door Bekaert en ArcelorMittal van de 'closing memoranda' met betrekking tot:

  • de overname door Bekaert, via de Bekaert Ideal Holding, van de meerderheid van de aandelen (73%) van de ArcelorMittal staaldraadfabriek in Costa Rica (hernoemd tot BIA Alambres Costa Rica SA)
  • de implementatie van dezelfde aandeelhoudersstructuur in de nieuwe Dramix® fabriek in Costa Rica (Bekaert Costa Rica SA) en in Bekaerts staaldraadvestiging in Ecuador (Ideal Alambrec SA) ;
  • de overname door Bekaert van de resterende aandelen van de Cimaf kabelfabriek in Brazilië, waardoor Bekaert er de volledige eigendom verwerft. Deze entiteit krijgt de naam Bekaert Cimaf Cabos Ltda.

Dankzij deze strategische transactie wil Bekaert de klanten uit diverse sectoren in de regio beter kunnen beleveren met een uitgebreider gamma van staaldraadproducten voor de bouwsector, de mijnbouw, de olie- en gassector, de landbouw, afrasteringen en industriële afnemers. De overeenkomst bouwt verder op bestaande partnerschappen in de regio met ArcelorMittal en met de familie Kohn.

Wanneer een bedrijfscombinatie in fasen tot stand komt, wordt, overeenkomstig IFRS 3 (herzien in 2008), het belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum, en wordt het verschil met de boekwaarde opgenomen in winst of verlies. In dit geval werd de reële waarde van het belang van 45% dat de Groep voorheen had in de Cimaf kabelfabriek geëxtrapoleerd op basis van de tussen de partners overeengekomen aandelenwaardering. Deze extrapolatie resulteerde in een reële waarde van € 9,7 miljoen. De nettoboekwaarde van het belang van de Groep in de Cimaf kabelfabriek bedroeg € 7,9 miljoen op de overnamedatum. Dit resulteerde in een winst op de gefaseerde overname van € 1,8 miljoen, die opgenomen werd in 'eenmalige opbrengsten en kosten' in de winst-en-verliesrekening. Verder worden, overeenkomstig IFRS 3, bedragen met betrekking tot het belang in de overgenomen partij tot voor de overnamedatum die opgenomen werden in de andere elementen van het resultaat van de Groep overgeboekt naar winst of verlies, wanneer dit van toepassing zou zijn ingeval het belang afgestoten werd. Dit resulteerde in een verlies van € 1,4 miljoen uit overboeking van gecumuleerde omrekeningsverschillen, dat eveneens opgenomen werd in 'eenmalige opbrengsten en kosten' in de winst-en-verliesrekening.

Goodwill wordt bepaald als het verschil tussen:

  • (i) de som van volgende elementen:
  • a. de betaalde overnamevergoeding;
  • b. de eventuele minderheidsbelangen in de overgenomen partij;
  • c. de reële waarde van het eventueel belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij; en
  • (ii) het saldo van de reële waarde van de overgenomen activa min de overgenomen passiva op de overnamedatum.

Omdat de overnamevergoeding uit de aandelen van Ideal Alambrec bestond, wordt zij gewaardeerd tegen de reële waarde van de afgestane minderheidsbelangen.

De verwerking van de bedrijfscombinatie resulteerde in een negatieve goodwill (€ -10,9 miljoen) die als een opbrengst werd opgenomen in 'eenmalige opbrengsten en kosten' in de winst-en-verliesrekening. De negatieve goodwill geeft aan dat er nog inspanningen zullen nodig zijn om het marktleiderschap te heroveren.

De minderheidsbelangen die ontstaan in de overgenomen entiteiten werden gewaardeerd tegen hun aandeel in de reële waarde van de verworven nettoactiva.

De volgende tabel geeft een overzicht van de verworven nettoactiva per balanspost, het effect van de toegepaste reëlewaardeaanpassingen volgens IFRS 3, 'Bedrijfscombinaties' en de goodwillberekening. De tabel verklaart ook het bedrag in het geconsolideerd kasstroomoverzicht vermeld als 'nieuwe bedrijfscombinaties', in dit geval nihil, aangezien er in deze overeenkomst geen contanten werden uitgewisseld tussen de partijen.

Totaal Boekwaarde vóór Reëlewaarde
in duizend € overname aanpassingen Reële waarde
Materiële vaste activa 15 053 24 205 39 258
Uitgestelde belastingvorderingen 615 2 531 3 146
Voorraden 15 504 -131 15 373
Handelsvorderingen 1 596 - 1 596
Overige voorzieningen op meer dan een jaar - -8 293 -8 293
Uitgestelde belastingverplichtingen -1 261 -7 817 -9 078
Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar -554 - -554
Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar -22 - -22
Totaal van de nettoactiva verworven in een
bedrijfscombinatie
30 944 10 482 41 426
Deelneming verwerkt volgens de equity -methode vóór
de bedrijfscombinatie -7 927 -1 804 -9 731
Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen
entiteiten -5 544 1 637 -3 907
Afgestane minderheidsbelangen -4 981 -11 914 -16 895
Goodwill -10 893
Betaalde overnamevergoeding -
Verworven geldmiddelen -
Nieuwe bedrijfscombinaties - - -

De positieve reëlewaardeaanpassingen op materiële vaste activa hebben voornamelijk betrekking op terreinen en gebouwen in Bekaert Cimaf Cabos Ltda en BIA Alambres Costa Rica SA. De reëlewaardeaanpassingen op voorraden bestaan voornamelijk uit waardeverminderingen op traag roterende en verouderde voorraden op basis van hun geschatte opbrengstwaarde.

Er werd een provisie opgenomen voor de effecten van het langetermijncontract voor de aankoop van walsdraad dat deel uitmaakt van de overeenkomst tussen Bekaert en ArcelorMittal.

Het effect op de geconsolideerde omzet en op het perioderesultaat volgt hieronder:

Datum van Omzet voor de
in duizend € overname periode Perioderesultaat
Totaal voor de overgenomen entiteiten 30 april 2014 27 016 9 330

Het perioderesultaat bevat € 11,3 miljoen eenmalige opbrengsten die verband houden met de verwerking van de bedrijfscombinatie. De kosten in verband met de overname, voornamelijk honoraria voor juridisch advies, bedroegen € 0,025 miljoen en werden opgenomen in administratieve kosten.

De pro forma omzet en resultaten alsof de overname op 1 januari 2014 zou afgesloten zijn, kunnen niet op betrouwbare wijze geschat worden zonder onverantwoorde inspanningen.

Bedrijfscombinaties (2): het commerciële partnerschap met Maccaferri voor ondergrondse toepassingen

Op 17 juni 2014 maakte Bekaert bekend dat het een overeenkomst getekend had met Maccaferri, een globale leverancier van geavanceerde oplossingen voor civiele, geotechnische en landschapsbouwmarkten, om een 50/50-vennootschap op te richten voor de distributie en verkoop van oplossingen voor ondergrondse constructieversterking.

Het is de bedoeling van beide partijen om hun geavanceerde verstevigingsoplossingen voor ondergrondse bouwprojecten zoals de aanleg van tunnels voor wegen, spoorwegen, metro's, pijpleidingen en mijnbouw, alsook waterkrachtcentrales wereldwijd te promoten.

De vennootschap zal de verkoop- en distributieactiviteiten bundelen van Bekaerts Dramix® staalvezels voor betonversterking in ondergrondse projecten zoals spuitbeton en prefabtoepassingen met Maccaferri's complementaire oplossingen voor ondergrondse toepassingen zoals staalbogen, chemische additieven voor beton en glasvezelelementen voor grondstabilisatie. Via de vennootschap, die opgericht werd op 1 oktober 2014, heeft Bekaert voornamelijk twee waardevolle immateriële activa verworven: (1) de klantenrelaties en handelsmerken van Maccaferri met een reële waarde die geraamd werd op € 1,2 miljoen en (2) de synergieën uit de overdracht van productievolumes met een reële waarde geraamd op € 4,8 miljoen. De waardering van beide immateriële activa werd uitgevoerd door onafhankelijke experts die gebruik maakten van verdisconteerde cashflows om een vermogenswaarde (VW) te bepalen die vervolgens getoetst werd aan een marktwaarde op basis van vergelijkbare VW/EBIT-veelvouden. De overeenkomst omvat ook de sluiting van Maccaferri's staalvezelfabriek in Spanje. Verder werden er machines en wisselstukken overgenomen met een reële waarde van € 0,4 miljoen. De overnamevergoeding bestond voor Bekaert uit een inbreng in natura, met name de klantenportefeuille, en een uitgestelde overnamevergoeding die voornamelijk afhangt van commerciële streefcijfers die moeten behaald worden in elk van de drie jaren na de overnamedatum. De initiële verwerking van de bedrijfscombinatie resulteerde in een licht positieve goodwill van € 0,1 miljoen.

De volgende tabel geeft een overzicht van de verworven nettoactiva per balanspost, het effect van de toegepaste reëlewaardeaanpassingen volgens IFRS 3, 'Bedrijfscombinaties', en de goodwillberekening. Tevens wordt het bedrag verklaard dat in het geconsolideerd kasstroomoverzicht verschijnt als 'nieuwe bedrijfscombinaties'. De verworven geldmiddelen komen voort uit de kapitaalsinbreng van de partner en uit de netto-opleg door de partner bij de uitwisseling van activa.

De minderheidsbelangen die ontstaan in de overgenomen entiteiten werden gewaardeerd tegen hun aandeel in de reële waarde van de verworven nettoactiva.

Totaal Boekwaarde vóór Reëlewaarde
in duizend € overname aanpassingen Reële waarde
Immateriële activa 22 210 -16 200 6 010
Materiële vaste activa 2 148 -2 015 133
Uitgestelde belastingvorderingen - 5 506 5 506
Voorraden 277 - 277
Geldmiddelen en kasequivalenten 966 - 966
Totaal van de nettoactiva verworven in een
bedrijfscombinatie 25 601 -12 709 12 892
Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen
entiteiten -9 400 -2 753 -12 153
Uitgestelde overnamevergoeding -810
Goodwill 71
Betaalde overnamevergoeding -
Verworven geldmiddelen 966 - 966
Nieuwe bedrijfscombinaties 966

Daarnaast werd een verplichting van € 8,2 miljoen opgenomen in consolidatie met betrekking tot de put-optie die Maccaferri vanaf 1 januari 2023 toelaat om al zijn aandelen tegen reële waarde te verkopen aan Bekaert. Overeenkomstig IAS 32, 'Financiële instrumenten: presentatie', wordt de verplichting initieel opgenomen via het eigen vermogen, terwijl latere wijzigingen in reële waarde via de winst-en-verliesrekening worden opgenomen.

De reëlewaardebepaling van deze verplichting is geclassificeerd als niveau 3, aangezien niet-waarneembare inputs worden gebruikt in de waarderingsmethode die berust op een verdisconteerdekasstroommodel. De twee belangrijkste inputs in het waarderingsmodel zijn:

  • de reële waarde van de onderliggende aandelen in Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA op de uitoefeningsdatum van de put-optie, die afgeleid werd van de ondernemingswaarde overeengekomen tussen de partijen in de bedrijfscombinatie,
  • de discontovoet die toegepast wordt om dit bedrag terug te brengen tot zijn actuele waarde op de balansdatum.

De bijdrage van de nieuwe vennootschap tot de geconsolideerde omzet en tot het perioderesultaat wordt hierna gepresenteerd:

in duizend € Datum van
overname
Omzet voor de
periode
Perioderesultaat
Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA 1 oktober 2014 6 343 -43

De effecten van de bedrijfscombinatie op de geconsolideerde omzet en het perioderesultaat van andere entiteiten van de Groep, voornamelijk de productie-entiteiten die goederen leveren aan de nieuwe commerciële joint

venture, kunnen niet op betrouwbare wijze geschat worden zonder onverantwoorde inspanningen. De pro forma omzet en resultaten alsof de overname op 1 januari 2014 zou afgesloten zijn, kunnen evenmin op betrouwbare wijze geschat worden zonder onverantwoorde inspanningen.

De kosten in verband met de overname, voornamelijk honoraria voor waarderingsexperts en juridisch advies, bedroegen € 0,1 miljoen en werden opgenomen in administratieve kosten.

Bedrijfscombinaties (3): de overname van Pirelli's staalkoordvestigingen

Op 28 februari 2014 maakte Bekaert bekend dat het een overeenkomst getekend had met Pirelli, de globale bandenproducent, omtrent de overname van Pirelli's staalkoordactiviteiten voor een totale ondernemingswaarde van € 255 miljoen. In het kader van deze transactie sluiten Bekaert en Pirelli een langetermijnovereenkomst voor levering van staalkoord aan Pirelli. De overnameovereenkomst omvat Pirelli's productievestigingen in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië), Izmit (Turkije), Yanzhou (China) en Sumaré (Brazilië). De transactie zal naar schatting € 300 miljoen toevoegen aan Bekaert's geconsolideerde omzet op jaarbasis.

Op 18 december 2014 hebben Bekaert en Pirelli de overname door Bekaert van Pirelli's staalkoordvestigingen in Figline Valdarno (Italië), Slatina (Roemenië) en Sumaré (Brazilië) succesvol afgerond. Door vertragingen in de wettelijke goedkeuring konden de overnames van Pirelli's vestigingen in Izmit (Turkije) en Yanzhou (China) niet afgerond worden voor het einde van 2014. Op 6 februari 2015 sloot Bekaert de overname van Pirelli's staalkoordvestiging in Izmit (Turkije) af – zie toelichting 7.6. 'Gebeurtenissen na balansdatum'. De overname van Pirelli's staalkoordvestiging in Yanzhou (China) zal gefinaliseerd worden zodra de betreffende wettelijke goedkeuring wordt verkregen.

De initiële verwerking van de bedrijfscombinatie die getoond wordt in deze financiële jaarrekening is uiteraard partieel en voorlopig. Ze is partieel, omdat ze enkel de overname van drie van de vijf vestigingen omvat die in het akkoord betrokken zijn. Ze is ook voorlopig, omdat de tijd te kort was om de waardering van de verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen in Pirelli's vestigingen in Italië, Roemenië en Brazilië te kunnen afwerken.

De reëlewaardeaanpassingen op materiële vaste activa zijn gebaseerd op externe waarderingen voor terreinen en gebouwen en op interne waarderingen voor installaties, machines en uitrusting. De uitgestelde belastingverplichtingen die ontstaan uit deze aanpassingen werden opgenomen tegen de toepasselijke belastingvoeten in de betrokken rechtsgebieden. De reële waarde van de overige verworven activa en overgenomen verplichtingen werd nog niet bepaald. Er ontstaan bijkomende minderheidsbelangen met betrekking tot de 20% participatie die Continental AG aanhoudt in de Roemeense vennootschap – met de nieuwe naam – Bekaert Slatina SRL. De totale overnamevergoeding voor alle aandelen die Pirelli aanhield in de staalkoordentiteiten in Italië, Roemenië en Brazilië bedroeg € 110,6 miljoen en werd afgewikkeld in contanten. Na aftrek van verworven geldmiddelen bedroeg de nettokasuitstroom € 109,5 miljoen. De initiële verwerking resulteerde in een voorlopige goodwill van € 0,7 miljoen.

Daarnaast heeft Bekaert ook € 15,0 miljoen betaald voor de verwerving van intellectuele eigendom, voornamelijk productie know-how en patenten, die in hun geheel geactiveerd werden als immateriële activa en zullen worden afgeschreven over 10 jaar.

Aangezien de overname kort voor het jaareinde afgesloten werd (d.i. bij de aanvang van de kerstvakantie), heeft Bekaert geen latere transacties, waarvan het effect onbetekenend geacht werd, meer opgenomen via het resultaat in 2014.

De minderheidsbelangen die ontstaan in de overgenomen entiteiten werden gewaardeerd tegen hun aandeel in de reële waarde van de verworven nettoactiva.

Totaal Boekwaarde vóór Reëlewaarde
in duizend € overname aanpassingen Reële waarde
Immateriële activa 2 - 2
Materiële vaste activa 75 870 38 303 114 173
Uitgestelde belastingvorderingen 1 835 - 1 835
Overige vaste activa 634 - 634
Voorraden 19 611 - 19 611
Handelsvorderingen 78 290 - 78 290
Betaalde voorschotten 1 981 - 1 981
Overige vorderingen 6 134 - 6 134
Geldbeleggingen 550 - 550
Geldmiddelen en kasequivalenten 1 103 - 1 103
Overige vlottende activa 4 603 - 4 603
Voorzieningen voor personeelsbeloningen op meer
dan een jaar -9 099 - -9 099
Overige voorzieningen op meer dan een jaar -4 421 - -4 421
Rentedragende schulden op meer dan een jaar -2 383 - -2 383
Uitgestelde belastingverplichtingen -3 420 -12 082 -15 502
Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar -29 115 - -29 115
Handelsschulden -38 808 - -38 808
Personeelsbeloningen op ten hoogste een jaar -4 320 - -4 320
Overige voorzieningen op ten hoogste een jaar -24 - -24
Verplichtingen m.b.t. winstbelastingen -1 466 - -1 466
Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar -4 712 - -4 712
Totaal van de nettoactiva verworven in een
bedrijfscombinatie 92 845 26 221 119 066
Ontstane minderheidsbelangen in de overgenomen
entiteiten -8 630 -567 -9 197
Goodwill 713
Betaalde overnamevergoeding -110 582
Verworven geldmiddelen 1 103 - 1 103
Nieuwe bedrijfscombinaties - - -109 479

De kosten in verband met de overname, voornamelijk honoraria voor consultancy, bedroegen € 3,2 miljoen en werden opgenomen in administratieve kosten.

7.3. Beheer van financiële risico's en derivaten

Principes van financieel risicobeheer

De Groep is blootgesteld aan risico's als gevolg van bewegingen in wisselkoersen, rentevoeten en marktprijzen die haar activa en verplichtingen beïnvloeden. Het financieel risicobeheer van de Groep heeft tot doel om de effecten van deze marktrisico's als gevolg van haar operationele en financiële activiteiten te beperken. Naargelang het ingeschatte risico worden daartoe welbepaalde afdekkingsinstrumenten ingezet. De Groep dekt voornamelijk risico's af die de kasstromen beïnvloeden. Derivaten worden enkel gebruikt als afdekkingsinstrument en niet voor handels- of speculatieve doeleinden. Om het kredietrisico te beperken, worden afdekkingstransacties over het algemeen enkel aangegaan met financiële instellingen die tenminste een Akredietbeoordeling hebben.

De richtlijnen en principes van het financieel risicobeheer van Bekaert worden vastgelegd door het Audit en Finance Comité en gecontroleerd door de Raad van Bestuur van de Groep. De Groepsdienst Thesaurie is verantwoordelijk voor de implementatie van het financieel risicobeleid. Dit houdt in dat gepaste richtlijnen worden gedefinieerd en effectieve controle- en verslaggevingsprocedures worden opgezet. Het Audit en Finance Comité wordt geregeld geïnformeerd over de blootstelling aan valuta- en renterisico's.

Valutarisico

Het valutarisico van de Groep kan opgedeeld worden in twee categorieën: valutatranslatierisico en valutatransactierisico.

Valutatranslatierisico

Een valutatranslatierisico ontstaat wanneer de financiële gegevens van buitenlandse dochterondernemingen omgezet worden naar de presentatievaluta van de Groep, de euro. De voornaamste valuta's zijn de Chinese renminbi, de US dollar, de Tsjechische kroon, de Braziliaanse real, de Chileense peso en de Venezolaanse bolivar (cf. gecumuleerde omrekeningsverschillen in toelichting 6.13 'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'). Aangezien er geen kasstroomeffect is, dekt de Groep dit risico gewoonlijk niet af.

Valutatransactierisico

De Groep is blootgesteld aan valutatransactierisico's die voortvloeien uit haar investerings-, financierings- en bedrijfsactiviteiten.

Valutarisico's op het vlak van investeringen ontstaan uit de overname of de verkoop van deelnemingen in buitenlandse vennootschappen, maar ook uit te ontvangen dividenden vanuit buitenlandse deelnemingen. Valutatransactierisico's ontstaan veelal door administratieve vertraging bij de afwikkeling van dividendbetalingen vanuit Chinese dochterondernemingen. De Groep sluit meestal non-deliverable forward contracts (NDFs) af met diverse financiële instellingen om deze risico's af te dekken. Deze NDFs worden gewoonlijk niet aangemerkt voor hedge accounting.

Valutarisico's op het vlak van financiering ontstaan uit financiële verplichtingen in vreemde valuta's. De Groepsdienst Thesaurie dekt deze risico's af in overeenstemming met haar beleidsrichtlijnen en maakt hiervoor gebruik van cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om financiële verplichtingen in vreemde valuta's om te zetten naar de functionele valuta van de betrokken entiteit. Op de verslagdatum bestonden de verplichtingen in vreemde valuta waarvoor het valutarisico werd afgedekt voornamelijk uit euroobligatieleningen en intragroepsleningen, hoofdzakelijk in euro en US dollar.

Valutarisico's in het kader van bedrijfsactiviteiten vloeien voort uit commerciële activiteiten met aan- en verkopen in vreemde valuta, alsook betalingen en ontvangsten van royalty's. De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om verwachte kasinstromen en kasuitstromen voor de volgende drie maanden af te dekken. Belangrijke blootstellingen en vaststaande toezeggingen buiten dit tijdskader kunnen ook afgedekt worden.

Valutagevoeligheidsanalyse

Valutagevoeligheid met betrekking tot de bedrijfsactiviteiten

Volgende tabel geeft een samenvatting van de nettoposities van de Groep voor de belangrijkste valutaparen met betrekking tot handelsvorderingen en handelsschulden in vreemde valuta op de verslagdatum. De nettoposities van de valuta zijn vóór eliminaties van intragroepsverrichtingen. Een positief bedrag betekent dat de Groep een nettovordering heeft in de eerste valuta. In de tabel vertegenwoordigt de kolom 'Totaal risico' de balanspositie, terwijl de kolom 'Totaal derivaten' alle derivaten omvat ter afdekking van zowel de balanspositie als verwachte transacties. De volatiliteit op jaarbasis is gebaseerd op de dagelijkse wisselkoersbewegingen gedurende de verslagperiode, met een betrouwbaarheidsinterval van 95%.

Valutapaar - 2014 Volatiliteit op
in duizend € jaarbasis in % Totaal risico Totaal derivaten Nettopositie
AUD/USD 14,30% 2 887 -2 494 393
CAD/USD 10,45% 2 559 - 2 559
CNY/EUR 10,11% 5 284 - 5 284
CZK/EUR 3,37% -6 376 1 478 -4 899
EUR/CNY 10,11% -16 649 -1 084 -17 733
EUR/GBP 8,89% -683 - -683
EUR/INR 11,70% 352 - 352
EUR/RUB 50,88% -1 541 - -1 541
GBP/CZK 9,04% 1 528 - 1 528
GBP/EUR 8,89% 4 494 -870 3 624
IDR/USD 13,97% -1 493 - -1 493
JPY/CNY 12,83% 4 675 -2 575 2 099
JPY/EUR 12,30% -64 -213 -277
NZD/USD 15,47% 595 -658 -64
USD/CAD 10,45% 7 669 - 7 669
USD/CLP 15,01% 3 685 - 3 685
USD/CNY 3,30% 35 314 -15 167 20 147
USD/COP 18,02% -4 557 - -4 557
USD/EUR 9,79% 31 650 -13 727 17 923
USD/INR 10,79% -6 761 - -6 761
USD/MYR 12,03% -1 626 - -1 626
USD/MXN 9,81% -765 - -765
Valutapaar - 2013 Volatiliteit op
in duizend € jaarbasis in % Totaal risico Totaal derivaten Nettopositie
AUD/USD 16,34% 4 328 -2 505 1 823
AUD/USD 16,34% 4 328 -2 505 1 823
CAD/USD 10,00% 1 332 - 1 332
CNY/EUR 12,38% 3 514 - 3 514
CZK/EUR 9,67% -269 611 342
EUR/CNY 12,38% -8 560 -1 847 -10 407
EUR/GBP 12,03% 654 - 654
EUR/INR 20,64% -1 363 - -1 363
EUR/RUB 11,44% -1 016 - -1 016
GBP/CZK 16,15% 1 074 - 1 074
GBP/EUR 12,03% 2 169 -2 533 -364
IDR/USD 19,62% -1 985 - -1 985
JPY/CNY 20,38% 5 359 -696 4 663
JPY/EUR 22,82% 52 -195 -143
NZD/USD 18,28% 802 -314 488
USD/CAD 10,00% 1 920 - 1 920
USD/CLP 14,38% 3 751 - 3 751
USD/CNY 2,10% 27 216 -48 824 -21 608
USD/COP 12,38% -2 545 - -2 545
USD/EUR 12,69% 18 496 -17 332 1 164
USD/INR 21,22% -4 864 - -4 864
USD/MYR 18,80% -2 314 - -2 314
USD/MXN 12,47% -830 - -830

Indien de valuta's verzwakt of versterkt waren met de hierboven geschatte mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou het perioderesultaat vóór belastingen € 0,5 miljoen (2013: € 1,4 miljoen) lager respectievelijk hoger geweest zijn.

Valutagevoeligheid bij hedge accounting

Bepaalde derivaten maken ook deel uit van effectieve kasstroomafdekkingen om het valutarisico af te dekken met betrekking tot de Euro-obligatielening uitgegeven in 2005. Wisselkoersschommelingen in de betrokken valuta's (US dollar en euro) beïnvloeden de afdekkingsreserve in het eigen vermogen en de reële waarde van deze afdekkingsinstrumenten. Indien de euro verzwakt of versterkt was met de hogervermelde geschatte mogelijke

procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou de afdekkingsreserve in het eigen vermogen € 0,04 miljoen (2013: € 0,3 miljoen) hoger resp. lager geweest zijn.

Renterisico

De Groep is onderworpen aan renterisico en dit voornamelijk in US dollar, Chinese renminbi en euro. Om het effect van rentevoetfluctuaties in deze regio's te minimaliseren, wordt het renterisico op de nettoschuld, uitgedrukt in de valuta's van deze landen, afzonderlijk beheerd. De volgende algemene richtlijnen worden toegepast om het renterisico af te dekken:

  • de beoogde gemiddelde duur van langlopende schulden bedraagt vier jaar; en
  • de verdeling van langlopende schulden tussen variabele en vaste rentevoeten moet beantwoorden aan de limieten bepaald door het Audit en Finance Comité.

De Groepsdienst Thesaurie gebruikt interest-rate swaps en cross-currency interest-rate swaps om ervoor te zorgen dat de vaste/variabele renteverhouding van de langlopende schulden binnen de limieten blijft. De Groep koopt ook forward starting renteopties om langlopende schulden met vaste/variabele rente om te zetten naar capped langlopende schulden. Hierdoor is de Groep beschermd tegen rentestijgingen en blijft ze tevens in de mogelijkheid om te genieten van rentedalingen.

Het volgende overzicht toont de gewogen gemiddelde rentevoeten op balansdatum.

Lange termijn
Vaste Vlottende
2014 rentevoet rentevoet Totaal Korte termijn Totaal
US dollar 5,24% - 5,24% 1,11% 1,88%
Chinese renminbi 5,76% - 5,76% 4,73% 5,33%
Euro 3,16% - 3,16% 0,33% 3,06%
Overige 8,41% 3,00% 8,05% 5,53% 6,09%
Totaal 3,67% 3,00% 3,67% 2,01% 3,01%
Lange termijn
Vaste Vlottende
2013 rentevoet rentevoet Totaal Korte termijn Totaal
US dollar 5,27% - 5,27% 1,10% 1,91%
Chinese renminbi 5,86% 5,73% 5,84% 5,14% 5,69%
Euro 4,84% - 4,84% 0,51% 4,65%
Overige 7,58% 3,00% 7,33% 4,79% 5,66%
Totaal 5,13% 5,30% 5,14% 1,84% 3,81%

Rentegevoeligheidsanalyse

Rentegevoeligheid van de financiële schuld

Zoals vermeld in toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden' bedroeg de totale financiële schuld van de Groep € 1 359,2 miljoen op 31 december 2014 (2013: € 1 003,9 miljoen). De volgende tabel toont het valutakoers- en renteprofiel, d.i. de procentuele verdeling van de totale financiële schuld per munt en per type van rentevoet (vast, vlottend of capped).

Valutakoers- en renteprofiel Lange termijn Korte termijn
2014 Vaste
rentevoet
Vlottende
rentevoet
Capped
rentevoet
vlottende
rentevoet
Totaal
US dollar 6,70% - - 29,70% 36,40%
Chinese renminbi 2,80% - - 2,00% 4,80%
Euro 48,40% - - 1,70% 50,10%
Overige 1,80% 0,20% - 6,70% 8,70%
Totaal 59,70% 0,20% - 40,10% 100,00%
Valutakoers- en renteprofiel Lange termijn Korte termijn
Vaste Vlottende Capped vlottende
2013 rentevoet rentevoet rentevoet rentevoet Totaal
US dollar 7,20% - - 30,00% 37,20%
Chinese renminbi 4,60% 1,00% - 1,20% 6,80%
Euro 43,30% - - - 43,30%
Overige 3,30% 0,20% - 9,20% 12,70%
Totaal 58,40% 1,20% - 40,40% 100,00%

Gesteund op de volatiliteit op jaarbasis van de dagelijkse noteringen van de Interbank Offered Rate op 3 maanden in 2014 en 2013, werden voor de belangrijkste valuta's de redelijkerwijs mogelijke rentevorken, met een 95%-betrouwbaarheidsinterval, als volgt bepaald.

Valuta Rentevoet per
31 dec 2014
Volatiliteit op
jaarbasis in %
Rentevork
Chinese renminbi1 3,75% 16,45% 3,13%-4,37%
Euro 0,08% 80,17% 0,02%-0,14%
US dollar 0,26% 15,15% 0,22%-0,30%
Valuta Rentevoet per
31 dec 2013
Volatiliteit op
jaarbasis in %
Rentevork
Chinese renminbi1 5,38% 16,45% 4,50%-6,27%
Euro 0,29% 29,87% 0,20%-0,37%
US dollar 0,25% 11,83% 0,22%-0,28%

1Voor de Chinese renminbi werd de PBOC -referentievoet voor leningen op hoogstens 6 maand genomen.

Indien we de geschatte mogelijke rentevoetwijzigingen toepassen op de schuld met vlottende en capped rentevoet – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou het perioderesultaat vóór belastingen € 0,7 miljoen (2013: € 0,5 miljoen) hoger/lager geweest zijn.

Rentegevoeligheid bij hedge accounting

Wanneer derivaten deel uitmaken van effectieve kasstroomafdekkingen om renteschommelingen af te dekken, wordt hun reële waarde en ook de afdekkingsreserve in het eigen vermogen beïnvloed door wijzigingen in marktrentevoeten. Indien we de geschatte mogelijke rentevoetstijgingen toepassen op deze afdekkingen – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou de afdekkingsreserve in het eigen vermogen niet gewijzigd zijn (2013: € 0,03 miljoen hoger). Indien we de geschatte mogelijke rentevoetdalingen toepassen op deze afdekkingen – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou de afdekkingsreserve in het eigen vermogen niet gewijzigd zijn (2013: € 0,03 miljoen lager).

Kredietrisico

De Groep is blootgesteld aan kredietrisico's ten gevolge van haar bedrijfsactiviteiten en bepaalde financieringsactiviteiten. In het kader van haar bedrijfsactiviteiten heeft de Groep een kredietbeleid opgezet dat rekening houdt met het risicoprofiel van de klanten in functie van het marktsegment waartoe zij behoren. Op basis van hun activiteitenplatform, productsegment en regio wordt het kredietrisico van de klanten geanalyseerd en wordt beslist om het kredietrisico af te dekken. De blootstelling aan kredietrisico's wordt continu opgevolgd en de kredietwaardigheid van alle klanten wordt geregeld geëvalueerd. Omwille van het specifieke karakter van sommige staaldraadactiviteiten die slechts een beperkt aantal wereldwijd opererende klanten tellen, wordt het concentratierisico van dichtbij opgevolgd en wordt – overeenkomstig de kredietbeleidslijnen – indien nodig onmiddellijk actie ondernomen. Er dient geen enkele van de volgens IFRS 8 §34 vereiste toelichtingen in verband met individuele klanten (of groepen van klanten onder gezamenlijke zeggenschap) verstrekt, aangezien geen enkele klant van de Groep instaat voor meer dan 10% van de omzet. Op 31 december 2014 was 64,8% (2013: 64,4%) van het kredietrisico afgedekt door kredietverzekeringspolissen en handelsfinancieringsinstrumenten. In het kader van financieringsactiviteiten worden transacties in principe enkel afgesloten met tegenpartijen die minstens een A-kredietscore hebben. Daarnaast worden kredietlimieten vastgelegd voor elke tegenpartij in functie van haar kredietwaardigheid. Dankzij deze aanpak acht de Groep de risico's bij staking van betaling door de tegenpartij beperkt, zowel wat bedrijfsactiviteiten als wat financieringsactiviteiten betreft.

Liquiditeitsrisico

Liquiditeitsrisico betekent het risico dat de Groep haar verplichtingen niet kan nakomen op de vervaldag omdat ze niet in staat is om activa te gelde te maken of de nodige kredieten te bekomen. Om de liquiditeit en de financiële

flexibiliteit te allen tijde te garanderen, beschikt de Groep, naast de beschikbare geldmiddelen, over verscheidene kortlopende, niet-toegezegde kredietlijnen in de belangrijkste valuta's en voor bedragen die geacht worden toereikend te zijn voor de huidige en toekomstige financiële behoeften. Deze kredietfaciliteiten hebben meestal een gemengd karakter en kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor voorschotten, kaskredieten, acceptkredieten en verdisconteringen. De Groep heeft ook toegezegde kredietfaciliteiten ter beschikking voor een maximumbedrag van € 70,6 miljoen (2013: € 68,1 miljoen) tegen variabele rentevoeten met vaste marges. Een kredietlijn van € 50 miljoen vervalt in 2016 en een kredietlijn van USD 25 miljoen vervalt in 2015. Op jaareinde was van deze kredietlijnen niets (2013: niets) opgenomen. Bovendien beschikt de Groep over een commercial paper & medium-term note program voor een bedrag van € 123,9 miljoen (2013: € 123,9 miljoen). Op 31 december 2014 waren er geen uitstaande commercial paper notes (2013: geen). Op jaareinde was geen enkele van de uitstaande schuld onderwerp van schuld covenanten (2013: geen). In 2014 heeft de Groep een factoring-overeenkomst afgesloten die de mogelijkheid biedt om tot € 40 miljoen op te nemen voor 2 maanden, maar er werden geen bedragen opgenomen voor jaareinde.

De volgende tabel toont de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen. Enkel nettorentebetalingen en kapitaalsaflossingen zijn hierin vervat.

2014 2020
in duizend € 2015 2016 2017-2019 en later
Financiële verplichtingen - hoofdsom
Handelsschulden -389 254 - - -
Overige verplichtingen -179 433 -815 - -
Rentedragende schulden -449 136 -282 823 -580 170 -47 081
Derivaten - bruto afgewikkeld -607 477 -12 988 - -
Financiële verplichtingen - rente
Rentedragende schulden -38 855 -30 604 -49 726 -2 168
Derivaten - netto afgewikkeld -1 796 - - -
Derivaten - bruto afgewikkeld -9 453 -1 279 - -
Totaal niet-verdisconteerde kasstromen -1 675 404 -328 509 -629 896 -49 249
2013 2019
in duizend € 2014 2015 2016-2018 en later
Financiële verplichtingen - hoofdsom
Handelsschulden -338 864 - - -
Overige verplichtingen -135 255 -186 - -
Rentedragende schulden -321 907 -101 787 -534 598 -45 614
Derivaten - bruto afgewikkeld -461 093 -102 929 -11 667 -
Financiële verplichtingen - rente
Rentedragende schulden -45 147 -32 065 -59 728 -14 100
Derivaten - netto afgewikkeld -2 003 -1 602 - -
Derivaten - bruto afgewikkeld -8 945 -4 967 -1 149 -
Totaal niet-verdisconteerde kasstromen -1 313 214 -243 536 -607 142 -59 714

Hierin zijn alle instrumenten begrepen die aangehouden werden op de balansdatum en waarvoor de betalingen reeds contractueel werden vastgelegd. Voorspellingsgegevens met betrekking tot toekomstige nieuwe verplichtingen zijn niet meegerekend. Bedragen in vreemde valuta werden omgerekend tegen de slotkoers op de balansdatum. Variabele rentebetalingen met betrekking tot financiële instrumenten werden berekend op basis van de toepasselijke termijnrentevoeten.

Afdekking

Alle financiële derivaten die de Groep aangaat, hebben betrekking op een onderliggende transactie of een verwacht risico. In functie van het verwachte effect op de winst-en-verliesrekening en als voldaan is aan de strikte criteria van IAS 39, beslist de Groep geval per geval of hedge accounting zal toegepast worden. In de volgende secties worden de transacties beschreven waarvoor hedge accounting wordt toegepast en de transacties die niet in aanmerking komen voor hedge accounting, maar als een economische afdekking fungeren.

Hedge accounting

Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico, maakt IAS 39 een onderscheid tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van een netto-investering. Reëlewaardeafdekkingen zijn afdekkingen van het risico op schommelingen in de reële waarde van opgenomen activa en verplichtingen of niet opgenomen vaststaande toezeggingen. Kasstroomafdekkingen zijn afdekkingen van het risico op schommelingen in de toekomstige kasstromen met betrekking tot opgenomen activa en verplichtingen, heel waarschijnlijke

verwachte transacties of, als de afdekking betrekking heeft op valutarisico, niet-opgenomen vaste toezeggingen. Afdekkingen van een netto-investering zijn afdekkingen van het risico op schommelingen van de netto-investering in activa van entiteiten met een andere functionele valuta.

Reëlewaardeafdekkingen

In 2005 heeft Bekaert Corporation, een entiteit gevestigd in de VS, een vastrentende euro-obligatielening van 100 miljoen uitgegeven. Tegelijkertijd heeft de entiteit ook twee cross-currency interest-rate swaps van elk € 50 miljoen aangegaan om de helft van de vaste betalingen in euro om te zetten in vlottende betalingen in US dollar en de andere helft in vaste betalingen in US dollar. Nog in 2005 heeft de entiteit de blootstelling aan vlottende betalingen in US dollar teruggebracht van € 50 miljoen tot € 30,9 miljoen.

De Groep heeft het deel van € 30,9 miljoen van de euro-obligatielening van 2005 aangemerkt als afgedekte positie in een reëlewaardeafdekking (het resterende deel van € 69,1 miljoen wordt behandeld als afgedekte positie in een kasstroomafdekking – zie volgende sectie). Hierdoor worden reëlewaardewijzigingen van de afgedekte posities als gevolg van schommelingen van de contantkoers USD/EUR afgezet tegenover reëlewaardewijzigingen van de cross-currency interest-rate swaps. Met deze afdekkingstransacties worden geen kredietrisico's beoogd of afgedekt.

Op 31 december 2014 had de Groep cross-currency interest-rate swaps voor een totaal notioneel bedrag van € 33,3 miljoen (2013: € 29,3 miljoen) die aangemerkt zijn als reëlewaardeafdekkingen, met een reële waarde van € -2,2 miljoen (2013: € 2,7 miljoen). De wijziging in reële waarde van de afdekkingsinstrumenten gedurende 2014 leidde tot de opname van een verlies van € 4,8 miljoen (2013: een winst van € 0,5 miljoen) in overige financiële opbrengsten en lasten. De herwaardering van de afgedekte posities leidde tot de opname van een winst van € 4,8 miljoen (2013: een verlies van € 0,5 miljoen) eveneens in overige financiële opbrengsten en lasten. Rentelastaanpassingen voortkomend uit reëlewaardeafdekkingen leidden tot een winst van € 0,9 miljoen (2013: een winst van € 0,8 miljoen).

Kasstroomafdekkingen

Het valuta- en renterisico dat voortvloeit uit de overige € 69,1 miljoen van de euro-obligatielening van 2005 (zie voorgaande sectie over reëlewaardeafdekkingen) is afgedekt door middel van een cross-currency interest-rate swap voor € 50 miljoen en een combinatie van een cross-currency interest-rate swap en een interest-rate swap voor € 19,1 miljoen. Deze financiële derivaten zetten vaste betalingen in euro om in vaste betalingen in US dollar. De Groep heeft het betrokken deel van de euro-obligatielening aangemerkt als afgedekte positie. De bedoeling van deze afdekking is het elimineren van het risico op betalingsschommelingen als gevolg van wijzigingen in wisselkoersen en rentevoeten. Met deze afdekkingstransactie worden geen kredietrisico's beoogd of afgedekt.

Op 31 december 2014 had de Groep cross-currency interest-rate swaps en interest-rate swaps voor een totaal notioneel bedrag van € 74,5 miljoen (2013: € 83,7 miljoen) die aangemerkt zijn als kasstroomafdekkingen, met een reële waarde van € -5,5 miljoen (2013: € 2,8 miljoen). In 2014 werd een totaal verlies van € 7,9 miljoen (2013: een winst van € 4,0 miljoen) uit reëlewaardewijzigingen van cross-currency en interest-rate swaps rechtstreeks in het eigen vermogen (in de afdekkingsreserve) opgenomen. Deze bedragen vertegenwoordigen het effectieve deel van de afdekkingsrelatie. Een bedrag van € 8,6 miljoen werd gecrediteerd op het eigen vermogen (de afdekkingsreserve) tegenover overige financiële opbrengsten en lasten ter compensatie van de niet-gerealiseerde omrekeningswinsten (2013: omrekeningsverliezen van € 3,1 miljoen) als gevolg van de herwaardering van de euro-obligatielening tegen slotkoers. Rentelastaanpassingen voortkomend uit kasstroomafdekkingen leidden tot een verlies van € 0,8 miljoen (2013: een verlies van € 0,8 miljoen).

Afdekkingen van een netto-investering

In de loop van 2014 en 2013 heeft de Groep geen afdekkingen van netto-investeringen aangegaan of afgewikkeld.

Economische afdekkingen en andere afzonderlijke derivaten

De Groep gebruikt ook financiële instrumenten die als economische afdekking fungeren, maar waarvoor geen hedge accounting wordt toegepast, ofwel omdat niet voldaan is aan de criteria die IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering', vooropstelt om in aanmerking te komen voor hedge accounting, ofwel omdat de Groep bewust besloten heeft om geen hedge accounting toe te passen. Deze derivaten worden verwerkt als afzonderlijke instrumenten aangehouden voor handelsdoeleinden.

  • De Groep gebruikt cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om het valutarisico van intragroepsleningen tussen twee entiteiten met verschillende functionele valuta's af te dekken. Tot op heden heeft de Groep ervoor gekozen om geen hedge accounting zoals gedefinieerd in IAS 39 toe te passen, aangezien nagenoeg alle cross-currency interest-rate swaps vlottend-vlottend zijn en bijgevolg verwacht wordt dat de wijziging in de reële waarde van het financieel instrument het omrekeningsresultaat als gevolg van de herwaardering van de intragroepsleningen zal compenseren. De Groep heeft cross-currency interest-rate swaps voor een totaal notioneel bedrag van € 523,9 miljoen (2013: € 472,8 miljoen) en een reële waarde van € -12,1 miljoen (2013: € 19,4 miljoen). De belangrijkste betrokken valuta's zijn de US dollar, de Canadese dollar en de Russische roebel. De termijnwisselcontracten vertegenwoordigen een notioneel bedrag van € 385,9 miljoen (2013: € 310,6 miljoen) en een reële waarde van € -4,6 miljoen (2013: € -7,8 miljoen). In 2014 werd als gevolg van de wijzigingen in reële waarde van cross-currency interest rate swaps en termijnwisselcontracten een verlies van € 28,3 miljoen (2013: een verlies van € 3,7 miljoen) opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten. Tevens werd een winst van € 41,2 miljoen (2013: een verlies van € 4,2 miljoen) opgenomen als niet-gerealiseerde wisselresultaten als gevolg van de herwaardering van de intragroepsleningen tegen slotkoers. Gerealiseerde wisselverliezen op afgedekte intragroepsleningen ten belope van € 16,6 miljoen (2013: € 0,7 miljoen winsten) werden opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten. Rentelastaanpassingen voortkomend uit cross-currency interest-rate swaps, ingezet als economische afdekkingen van valutarisico's, leidden tot een verlies van € 4,8 miljoen (2013: verlies van € 6,1 miljoen).

  • Om het renterisico te beheren, gebruikt de Groep interest-rate swaps, forward rate agreements en renteopties om haar schulden met variabele rentevoet om te zetten in schulden met vaste en/of capped rentevoet. Behalve een interest-rate swap van USD 25,0 miljoen werd geen van deze derivaten aangemerkt als afdekking zoals gedefinieerd in IAS 39. Op 31 december 2014 werd het renterisico op schulden afgedekt door middel van interest-rate swaps voor een totaal brutobedrag van € 32,9 miljoen (2013: € 29,0 miljoen). De Groep had geen forward rate agreements of renteopties uitstaan op 31 december 2014 (2013: geen). De reële waarde van de interest-rate swaps bedroeg op jaareinde € -0,2 miljoen (2013: € -1,5 miljoen). In 2014 werd, als gevolg van de reëlewaardewijzigingen, een winst van € 1,4 miljoen (2013: een winst van € 1,3 miljoen) opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten. Rentelastaanpassingen voortkomend uit economische afdekkingen leidden tot een verlies van € 1,4 miljoen (2013: een verlies van € 1,4 miljoen).

  • De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om haar valutarisico op diverse operationele en financiële transacties te beperken. Aangezien de Groep haar termijnwisselcontracten niet als kasstroomafdekkingen heeft aangemerkt, worden de reëlewaardewijzigingen onmiddellijk opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten. Op 31 december 2014 bedroeg het notioneel bedrag van de termijnwisselcontracten in verband met commerciële transacties € 44,0 miljoen (2013: € 41,8 miljoen). De reële waarde op de balansdatum bedroeg € -0,4 miljoen (2013: € 0,4 miljoen) met een verlies van € 0,6 miljoen (2013: € 0,4 miljoen winst). Er ontstond een winst van € 0,04 miljoen (2012: € 7,5 miljoen verlies) uit niet-gerealiseerde wisselresultaten op vorderingen en schulden. Hierbij dient opgemerkt dat de termijnwisselcontracten ook betrekking hebben op verwachte toekomstige commerciële transacties waarvoor er nog geen compenserende positie in de balans bestaat. Gerealiseerde wisselresultaten op afgedekte commerciële en financiële vorderingen en schulden leidden tot een winst van € 0,8 miljoen (2013: € 4,0 miljoen winst).
  • In juni 2014 heeft de Onderneming een converteerbare obligatielening uitgegeven voor € 300 miljoen. De karakteristieken van deze converteerbare obligatielening zijn van die aard dat de conversie-optie een in het contract besloten derivaat vormt dat, overeenkomstig IAS 39, afgezonderd wordt van het basiscontract. De reële waarde van het conversiederivaat bedroeg € 7,9 miljoen op 31 december 2014 (tegenover € 21,3 miljoen op uitgiftedatum), als gevolg waarvan een winst van € 13,4 miljoen werd opgenomen in overige financiële opbrengsten. Aangezien het basiscontract (de plain vanilla-schuld zonder de conversie-optie) tegen geamortiseerde kostprijs wordt opgenomen met behulp van de effectieverentemethode, wordt deze winst gedeeltelijk gecompenseerd door rentelastaanpassingen van € 3,2 miljoen.

Derivaten

Het volgende overzicht presenteert de notionele bedragen van de derivaten volgens hun vervaldatum:

2014
in duizend €
Vervallend
binnen het
jaar
Vervallend
over meer
dan 1 en ten
hoogste 5 jaar
Vervallend
over meer
dan 5 jaar
Interest-rate swaps 53 537 - -
Termijnwisselcontracten 429 921 - -
Cross-currency interest-rate swaps 491 685 32 256 -
Conversiederivaat - 300 000 -
Totaal 975 143 332 256 -
2013
in duizend €
Vervallend
binnen het
jaar
Vervallend
over meer
dan 1 en ten
hoogste 5 jaar
Vervallend
over meer
dan 5 jaar
Interest-rate swaps - 47 132 -
Termijnwisselcontracten 352 403 - -
Cross-currency interest-rate swaps 461 093 114 596 -
Totaal 813 496 161 728 -

Het volgend overzicht vat de reële waarden van de verschillende derivaten samen. Er wordt getoond of de derivaten al dan niet deel uitmaken van een afdekkingsrelatie zoals gedefinieerd in IAS 39 (reëlewaardeafdekking of kasstroomafdekking).

Reële waarde van korte- en langetermijnderivaten Vorderingen Verplichtingen
in duizend € 2013 2014 2013 2014
Financiële instrumenten
Termijnwisselcontracten
Aangehouden voor handelsdoeleinden 543 2 637 7 931 7 625
Interest-rate swaps
Aangehouden voor handelsdoeleinden - - 1 515 235
In het kader van kasstroomafdekkingen - - 885 141
Cross-currency interest-rate swaps
Aangehouden voor handelsdoeleinden 21 473 21 521 2 033 33 631
In het kader van reëlewaardeafdekkingen 2 671 - - 2 235
In het kader van kasstroomafdekkingen 3 638 - - 5 373
Conversiederivaat
Aangehouden voor handelsdoeleinden - - - 7 921
Totaal 28 325 24 158 12 364 57 161
Op meer dan een jaar 14 760 5 944 2 022 7 921
Op ten hoogste een jaar 13 565 18 214 10 342 49 240
Totaal 28 325 24 158 12 364 57 161

De Groep heeft geen financiële activa en verplichtingen die gesaldeerd worden voorgesteld in de balans volgens IAS 32. De Groep gaat ISDA-raamovereenkomsten aan met de tegenpartijen voor al haar derivaten, die de tegenpartijen toelaten om vorderingen uit derivaten te salderen met verplichtingen uit derivaten bij het afwikkelen in geval van wanbetaling. Bij deze overeenkomsten worden geen waarborgen uitgewisseld, noch in geldmiddelen noch in beleggingsinstrumenten. Het potentieel effect van het salderen van derivatencontracten wordt hierna weergegeven.

Effect van afdwingbare salderings-overeenkomsten Vorderingen Verplichtingen
in duizend € 2013 2014 2013 2014
Totaal derivaten opgenomen in de balans 28 325 24 158 12 364 57 161
Afdwingbare salderingen -5 372 -15 576 -5 372 -15 576
Nettobedragen 22 953 8 582 6 992 41 585

De tabel hieronder illustreert in welke mate het gebruik van derivaten het resultaatseffect van onderliggende risico's compenseert:

2014
in duizend €
Afgedekte
positie
Afdekkings
instrument
Andere Impact op
winst-en
verlies
rekening
Reëlewaarde Reëlewaarde Rentelast
Reëlewaardeafdekkingen veranderingen veranderingen aanpassingen
Valuta- en renterisico op financieringskasstromen 4 829 -4 815 909 923
Kasstroomafdekkingen
Rentelastaanpassingen en afschrijving van stopgezette
afdekkingsrelatie (overgeboekt uit eigen vermogen)
- - -797 -797
Onderliggend
risico Derivaat
Niet
gerealiseerde Gerealiseerde
wissel Reëlewaarde wissel
Aangehouden voor handelsdoeleinden resultaten veranderingen resultaten
Valutarisico op financieringskasstromen 41 152 -28 305 -16 626 -3 779
Valutarisico op operationele en financieringskasstromen 40 -608 796 228
Rentelast
aanpassingen
Renterisico - 1 358 -6 243 -4 885
Conversiederivaat - 13 379 -3 215 10 164
Totaal 46 021 -18 991 -25 176 1 854

Van de totale impact op de winst-en-verliesrekening in 2014 werd € 9,6 miljoen opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten, € 1,6 miljoen in andere bedrijfsopbrengsten en -kosten (nl. gerealiseerde wisselresultaten op operationele kasstromen) en € -9,3 miljoen in rentelasten.

2013
in duizend €
Afgedekte
positie
Afdekkings
instrument
Andere Impact op
winst-en
verlies
rekening
Reëlewaarde Reëlewaarde Rentelast
Reëlewaardeafdekkingen veranderingen veranderingen aanpassingen
Valuta- en renterisico op financieringskasstromen -494 512 842 860
Kasstroomafdekkingen
Rentelastaanpassingen en afschrijving van stopgezette
afdekkingsrelatie (overgeboekt uit eigen vermogen) - - -803 -803
Onderliggend
risico Derivaat
Niet
gerealiseerde Gerealiseerde
wissel Reëlewaarde wissel
Aangehouden voor handelsdoeleinden resultaten veranderingen resultaten
Valutarisico op financieringskasstromen -4 162 -3 737 687 -7 212
Valutarisico op operationele en financieringskasstromen -7 519 387 3 956 -3 176
Rentelast
aanpassingen
Renterisico - 1 288 -7 481 -6 193
Totaal -12 175 -1 550 -2 799 -16 524

Van de totale impact op de winst-en-verliesrekening in 2013 werd € -4,5 miljoen opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten, € -4,6 miljoen in andere bedrijfsopbrengsten en -kosten (nl. gerealiseerde wisselresultaten op operationele kasstromen) en € -7,4 miljoen in rentelasten.

Kasstroomafdekkingen beïnvloeden ook rechtstreeks het eigen vermogen via andere elementen van het volledig resultaat, zoals hieronder getoond:

2014
in duizend €
Afgedekte
positie
Afdekkings
instrument
Andere Verwerkt in
het eigen
vermogen
(OCI)
Contantkoers Reëlewaarde
Kasstroomafdekkingen veranderingen veranderingen
Valuta- en renterisico op financieringskasstromen 8 582 -7 896 - 686
Afschrijving van stopgezette afdekkingsrelaties
(overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening) - - 69 69
2013
in duizend €
Afgedekte
positie
Afdekkings
instrument
Andere Verwerkt in
het eigen
vermogen
(OCI)
Contantkoers Reëlewaarde
Kasstroomafdekkingen veranderingen veranderingen
Valuta- en renterisico op financieringskasstromen -3 107 3 889 - 782
Afschrijving van stopgezette afdekkingsrelaties
(overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening) - - 72 72

Bijkomende toelichting met betrekking tot financiële instrumenten per klasse en categorie

De volgende tabellen tonen de verschillende klassen van financiële activa en verplichtingen met hun nettoboekwaarde in de balans en reële waarde, ingedeeld naargelang hun waarderingscategorie volgens IAS 39, 'Financiële instrumenten: opname en waardering', of IAS 17, 'Lease-overeenkomsten'.

Geldmiddelen en kasequivalenten, geldbeleggingen, handelsvorderingen, overige vorderingen, ontvangen bankwissels en leningen en financiële vorderingen vervallen meestal op korte termijn. Daarom benadert hun nettoboekwaarde op de verslagdatum hun reële waarde. Ook handelsschulden en overige verplichtingen vervallen meestal op korte termijn en om dezelfde reden benadert hun nettoboekwaarde hun reële waarde. De Groep heeft overigens geen posities in collateralized debt obligations (CDO's).

Volgende afkortingen voor categorieën worden hierna gebruikt:

Afkorting Categorie volgens IAS 39
L&V Leningen & vorderingen
BV Beschikbaar voor verkoop
FARWR Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat
FVtGK Financiële verplichtingen tegen geamortiseerde kostprijs
AVAfd Administratieve verwerking van afdekkingstransacties
FVRWR Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het
resultaat
n.v.t. Niet van toepassing
Netto
boekwaarde
Bedragen opgenomen in de balans
volgens IAS 39 tegen
2014
in duizend €
Categorie volgens
IAS 39
2014 Geamor
tiseerde
kostprijs
Reële waarde
via eigen
vermogen
Reële
waarde
via
winst of
verlies
Bedragen
opgenomen in
de balans
volgens
IAS 17
Reële waarde
2014
Activa
Geldmiddelen en
kasequivalenten L&V 458 542 458 542 - - - 458 542
Geldbeleggingen L&V 14 160 14 160 - - - 14 160
Handelsvorderingen L&V 707 569 707 569 - - - 707 569
Ontvangen bankwissels L&V 114 118 114 118 - - - 114 118
Overige vorderingen L&V 106 627 106 627 - - - 106 627
Leningen en financiële
vorderingen L&V 42 523 42 523 - - - 42 523
Financiële activa
beschikbaar voor
verkoop BV 9 979 981 8 998 - - 9 979
Vorderingen uit
derivaten
- zonder
afdekkingsrelatie FARWVR 24 157 - - 24 158 - 24 157
- met afdekkingsrelatie AVAfd - - - - - -
Verplichtingen
Rentedragende
schulden
- financiële leases n.v.t. 1 548 - - - 1 548 1 548
- kredietinstellingen FVtGK 426 154 426 154 - - - 426 154
- obligatieleningen AVAfd 100 184 69 107 - 31 076 - 100 594
- obligatieleningen FVtGK 823 740 823 740 - - - 868 376
Handelsschulden FVtGK 390 943 390 943 - - - 390 943
Overige verplichtingen FVtGK 143 497 143 497 - - - 143 497
Verplichtingen uit
derivaten
- zonder
afdekkingsrelatie FVRWVR 49 411 - - 49 411 - 49 411
- met afdekkingsrelatie AVAfd 7 750 - 5 515 2 235 - 7 750
Getotaliseerd per categorie volgens IAS 39
Leningen en financiële
vorderingen L&V 1 443 539 1 443 539 - - - 1 443 539
Financiële activa
beschikbaar voor
verkoop BV 9 979 981 8 998 - - 9 979
Financiële activa tegen
reële waarde via het
resultaat FARWVR 24 157 - - 24 158 - 24 157
Financiële
verplichtingen
gewaardeerd tegen
geamortiseerde kostprijs FVtGK 1 784 334 1 784 334 - - - 1 828 970
Financiële
verplichtingen met
afdekkingsrelatie AVAfd 107 934 69 107 5 515 33 311 - 108 344
Financiële
verplichtingen tegen
reële waarde via het
resultaat FVRWVR 49 411 - - 49 411 - 49 411
Netto
Bedragen opgenomen in de balans
boekwaarde
volgens IAS 39 tegen
2013
in duizend €
Categorie
volgens
IAS 39
2013 Geamor
tiseerde
kostprijs
Reële waarde
via eigen
vermogen
Reële
waarde
via
winst of
verlies
Bedragen
opgenomen in
de balans
volgens
IAS 17
Reële waarde
2013
Activa
Geldmiddelen en
kasequivalenten L&V 391 857 391 857 - - - 391 857
Geldbeleggingen L&V 10 172 10 172 - - - 10 172
Handelsvorderingen L&V 584 455 584 455 - - - 584 455
Ontvangen bankwissels L&V 110 218 110 218 - - - 110 218
Overige vorderingen L&V 83 781 83 781 - - - 83 781
Leningen en financiële
vorderingen
31 748 31 748 - - - 31 748
Financiële activa
beschikbaar voor
L&V
verkoop BV 8 713 975 7 738 - - 8 713
Vorderingen uit
derivaten
- zonder
afdekkingsrelatie FARWVR 22 016 - - 22 016 - 22 016
- met afdekkingsrelatie AVAfd 6 309 - 3 638 2 671 - 6 309
Verplichtingen
Rentedragende
schulden
- financiële leases n.v.t. 196 - - - 196 196
- kredietinstellingen FVtGK 258 837 258 837 - - - 258 837
- obligatieleningen AVAfd 101 118 69 107 - 32 011 - 103 619
- obligatieleningen FVtGK 650 000 650 000 - - - 676 637
Handelsschulden FVtGK 338 864 338 864 - - - 338 864
Overige verplichtingen FVtGK 135 441 135 441 - - - 135 441
Verplichtingen uit
derivaten
- zonder
afdekkingsrelatie
FVRWVR 11 479 - - 11 479 - 11 479
- met afdekkingsrelatie AVAfd 885 - 885 - - 885
Getotaliseerd per categorie volgens IAS 39
Leningen en financiële
vorderingen
Financiële activa
L&V 1 212 231 1 212 231 - - - 1 212 231
beschikbaar voor
verkoop
BV 8 713 975 7 738 - - 8 713
Financiële activa met
afdekkingsrelatie
AVAfd 6 309 - 3 638 2 671 - 6 309
Financiële activa tegen
reële waarde via het
resultaat FARWVR 22 016 - - 22 016 - 22 016
Financiële
verplichtingen
gewaardeerd tegen
geamortiseerde kostprijs FVtGK
1 383 142 1 383 142 - - - 1 409 779
Financiële
verplichtingen met
afdekkingsrelatie AVAfd 102 003 69 107 885 32 011 - 104 504
Financiële
verplichtingen tegen
reële waarde via het

resultaat FVRWVR 11 479 - - 11 479 - 11 479

Financiële instrumenten volgens de hiërarchie van reëlewaardebepalingen

De reëlewaardebepaling van financiële activa en verplichtingen kan worden getypeerd op een van de volgende manieren:

  • 'Niveau 1'-reëlewaardebepaling: de reële waarden van financiële activa en verplichtingen met standaardbepalingen en -condities en die verhandeld worden op actieve, liquide markten berusten op marktprijsnoteringen in die actieve markten voor identieke activa en verplichtingen. Dit is voornamelijk het geval voor financiële activa beschikbaar voor verkoop, zoals de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd (zie toelichting 6.5. 'Overige vaste activa').
  • 'Niveau 2'-reëlewaardebepaling: de reële waarden van andere financiële activa en verplichtingen worden bepaald volgens algemeen aanvaarde waarderingsmodellen die gebaseerd zijn op verdisconteerde kasstroomanalyse en gebruik maken van beschikbare prijzen van recente markttransacties en prijsopgaven van handelaars in vergelijkbare instrumenten. Dit is voornamelijk het geval voor derivaten. Termijnwisselcontracten worden gewaardeerd op basis van beschikbare termijnwisselkoersen en rentecurves afgeleid van rentevoetnoteringen met termijnen die overeenkomen met de contracten. Interest-rate swaps worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige kasstromen en verdisconteerd met gebruik van de toepasselijke rentecurves afgeleid van rentevoetnoteringen. De reëlewaardebepaling van cross-currency interest-rate swaps is gebaseerd op verdisconteerde geschatte kasstromen met behulp van beschikbare termijnwisselkoersen en rentevoeten en de toepasselijke rentecurves hiervan afgeleid.
  • 'Niveau 3'-reëlewaardebepaling: de reële waarden van de overblijvende financiële activa en verplichtingen worden bepaald met waarderingstechnieken waarvan sommige inputs niet berusten op waarneembare marktgegevens. De aandelenconversie-optie in de converteerbare obligatielening uitgegeven in juni 2014 (zie toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden') is een in het contract besloten derivaat zonder nauw verband dat dient afgezonderd van het basisschuldinstrument en gewaardeerd tegen reële waarde via het resultaat. De voornaamste inputs voor het waarderingsmodel van de conversie-optie zijn de koers van het Bekaertaandeel (niveau 1), de referentie swap rate en Bekaerts kredietmarge (niveau 2), alsook de volatiliteit van het Bekaertaandeel (niveau 3). Bijgevolg wordt de conversie-optie geclassificeerd als een financieel instrument van niveau 3.
Contractuele bepalingen
Bedrag van de uitgifte (in duizend €) 300 000
Uitgifteprijs 100%
Initiële conversiepremie 32,5%
Coupon 0,75%
Op uitgifte
datum
Op 31 dec
2014
Niveau-1-inputs
Koers van het aandeel € 27,97 € 26,35
Niveau-2-inputs
Referentieswaprate 0,54% 0,25%
Kredietmarge 210 bps 200 bps
Niveau-3-inputs
Volatiliteit 25,40% 22,00%
Uitkomsten van het model
in duizend €
Reële waarde van de converteerbare schuld 300 000 286 379
Reële waarde van de plain vanilla schuld 278 700 278 458
Reële waarde van de conversie-optie 21 300 7 921

Inputs voor het optiewaarderingsmodel

De nettoboekwaarde (d.i. de reële waarde) van het conversiederivaat is als volgt geëvolueerd:

Derivaat (verplichting) m.b.t. de coversie-optie

in duizend €
Bij uitgifte van de converteerbare obligatie (10 juni 2014) 21 300
(Winst) / Verlies in reële waarde -13 379
Per 31 december 2014 7 921

De volgende tabel toont de sensitiviteit van de reëlewaardeberekening aan de belangrijkste input van niveau 3.

Sensitiviteitsanalyse
in duizend € Wijziging Impact op derivaat (verplichting)
Impliciete volatiliteit 3,5% toename met 3 900
-3,5% afname met -3 900

De reële waarde van alle financiële instrumenten die tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerd worden in de balans, volgens IAS 39 of IAS 17, werd bepaald door middel van waarderingstechnieken van 'Niveau 2'. De volgende tabel toont een analyse van financiële instrumenten die tegen reële waarde worden gewaardeerd in de balans volgens de hoger beschreven hiërarchie van reëlewaardebepalingen:

2014
in duizend €
Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Financiële activa - met afdekkingsrelatie
Vorderingen uit derivaten - - - -
Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat
Vorderingen uit derivaten - 24 157 - 24 157
Financiële activa beschikbaar voor verkoop
Deelnemingen 8 495 503 - 8 998
Totaal activa 8 495 24 660 - 33 155
Financiële verplichtingen - met afdekkingsrelatie
Rentedragende schulden - 31 076 - 31 076
Verplichtingen uit derivaten - 7 750 - 7 750
Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het
resultaat
Verplichtingen uit derivaten - 41 490 7 921 49 411
Totaal verplichtingen - 80 316 7 921 88 237
2013
in duizend €
Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Financiële activa - met afdekkingsrelatie
Vorderingen uit derivaten - 6 309 - 6 309
Financiële activa tegen reële waarde via het resultaat
Vorderingen uit derivaten - 22 016 - 22 016
Financiële activa beschikbaar voor verkoop
Deelnemingen 7 248 490 - 7 738
Totaal activa 7 248 28 815 - 36 063
Financiële verplichtingen - met afdekkingsrelatie
Rentedragende schulden - 32 011 - 32 011
Verplichtingen uit derivaten - 885 - 885
Financiële verplichtingen tegen reële waarde via het
resultaat
Verplichtingen uit derivaten - 11 479 - 11 479
Totaal verplichtingen - 44 375 - 44 375

Er waren geen overdrachten tussen niveau 1 en 2 tijdens de periode.

Kapitaalrisicobeheer

De Groep beheert haar kapitaal om te verzekeren dat haar entiteiten in staat zullen zijn hun activiteiten verder te zetten, en met de bedoeling de rentabiliteit voor haar aandeelhouders te maximaliseren door de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen te optimaliseren. De Groep heeft haar strategie in dit verband niet gewijzigd tegenover 2013.

De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit nettoschuld, die de elementen omvat gedefinieerd in toelichting 6.17. 'Rentedragende schulden', en eigen vermogen (zowel toerekenbaar aan de Groep als aan minderheidsbelangen).

Gearing ratio

Het Audit en Finance Comité van de Groep controleert de kapitaalstructuur op halfjaarlijkse basis. Als onderdeel van deze controle wordt de kapitaalkost herzien en worden de risico's geëvalueerd die verband houden met elke vorm van kapitaalverstrekking. De Groep beoogt een gearing ratio van 50%, gedefinieerd als de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen.

Gearing
in duizend € 2013 2014
Nettoschuld 574 016 852 959
Eigen vermogen 1 503 876 1 566 212
Nettoschuld op eigen vermogen 38,2% 54,5%

7.4. Voorwaardelijke activa en verplichtingen en toezeggingen

Per 31 december had de Groep de volgende belangrijke toezeggingen en voorwaardelijke activa en verplichtingen:

in duizend € 2013 2014
Voorwaardelijke verplichtingen 14 264 22 548
Toezeggingen tot aankoop van vaste activa 12 718 19 129
Toezeggingen tot deelneming in durfkapitaalfondsen 6 669 5 038

De voorwaardelijke verplichtingen hebben voornamelijk betrekking op milieuverplichtingen, waarvan de meeste gedekt zijn door bankgaranties.

De entiteiten van de Groep worden geregeld onderworpen aan belastingcontroles in hun rechtsgebied. Hoewel het eindresultaat van belastingcontroles onzeker is, heeft Bekaert de kwaliteit van haar aangiftes getoetst in een algemene evaluatie van potentiële belastingverplichtingen en geconcludeerd dat de Groep toereikende belastingverplichtingen opgenomen heeft in deze geconsolideerde jaarrekening voor eventuele risico's op dit vlak. Bijgevolg acht Bekaert het ook onwaarschijnlijk dat potentiële belastingrisico's, bovenop de bedragen die in deze geconsolideerde jaarrekening als verplichtingen opgenomen werden, van betekenis kunnen zijn voor haar financiële positie (zie toelichting 6.4. 'Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen' voor voorwaardelijke belastingverplichtingen met betrekking tot de Braziliaanse joint ventures).

De Groep heeft verscheidene huurcontracten aangegaan, die geclassificeerd worden als operationele leaseovereenkomsten, vooral voor rollend materieel en gebouwen, grotendeels in Europa. Een groot aantal van deze contracten bevat een verlengingsclausule, behalve de meeste contracten voor rollend materieel en uitrusting. De activa worden niet onderverhuurd aan derden.

Toekomstige betalingen
in duizend € 2013 2014
Binnen het jaar 12 338 13 871
Over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar 22 899 26 016
Over meer dan 5 jaar 4 024 1 018
Totaal 39 261 40 905
Kosten
in duizend € 2013 2014
Rollend materieel 9 498 9 850
Industriële gebouwen 2 854 3 063
Uitrusting 2 385 2 770
Kantoren 4 135 3 394
Gronden 387 377
Overige 832 952
Totaal 20 091 20 406
2014 Gewogen gemiddelde
in jaren leaseperiode
Rollend materieel 4
Industriële gebouwen 2
Uitrusting 3
Kantoren 4
Gronden 1
Overige 1
2013
in jaren
Gewogen gemiddelde
leaseperiode
Rollend materieel 4
Industriële gebouwen 3
Uitrusting 4
Kantoren 4
Gronden 5
Overige 1

7.5. Verbonden partijen

Transacties tussen de onderneming en haar dochterondernemingen, die verbonden partijen zijn, werden geëlimineerd in de consolidatie en worden bijgevolg niet opgenomen in deze toelichting. Transacties met andere verbonden partijen worden hieronder toegelicht.

Transacties met joint ventures
in duizend € 2013 2014
Verkopen van goederen 26 863 36 930
Aankopen van goederen 11 264 19 654
Ontvangen royalty's en managementvergoedingen 10 891 10 125
Rente- en soortgelijke opbrengsten 152 169
Ontvangen dividenden 12 509 19 881
Uitstaande balansposities tegenover joint ventures
in duizend € 2013 2014
Handelsvorderingen 12 446 11 251
Overige kortetermijnvorderingen - 443
Handelsschulden 2 315 3 892
Overige kortetermijnverplichtingen - 185

Geen enkele van de verbonden partijen heeft bepaalde transacties aangegaan die voldoen aan de criteria van IAS 24, 'Informatieverschaffing over verbonden partijen'.

Het Key Management omvat de Raad van Bestuur, de CEO, de leden van het Bekaert Group Executive en de Senior Vice Presidents (zie laatste pagina van het Financieel overzicht).

Vergoedingen Key Management
in duizend € 2013 2014
Aantal personen 33 40
Kortetermijnpersoneelsbeloningen
Basisvergoedingen 6 284 7 043
Variabele vergoedingen 249 4 227
Vergoedingen als bestuurders van dochterondernemingen 989 936
Vergoedingen na uitdiensttreding
Toegezegdpensioenregelingen 609 712
Toegezegdebijdragenregelingen 541 967
Op aandelen gebaseerde betalingen 2 913 2 376
Totaal brutovergoedingen 11 585 16 261
Gemiddelde brutovergoeding per persoon 351 407
1
Aantal toegekende opties en stock appreciation rights
442 000 251 500

1 Het aantal voor 2013 bevat een uitzonderlijke toekenning van opties en stock appreciation rights.

Voor de toelichtingen die betrekking hebben op de Belgische Corporate Governance Code verwijzen wij naar het hoofdstuk 'Corporate Governance' in dit jaarverslag.

7.6. Gebeurtenissen na balansdatum

  • Op 18 december 2014 werd een vijfde en finale aanbod van 364 700 opties gedaan in het kader van het SOP 2010-2014-aandelenoptieplan. 349 810 van deze opties werden aanvaard en werden toegekend op 16 februari 2015. De uitoefenprijs bedraagt € 26,055. De toegekende opties vertegenwoordigen een reële waarde van € 2,3 miljoen.
  • Op 18 december 2014 werd een aanbod van 40 200 Stock Appreciation Rights gedaan in het kader van de SAR-regeling voor de VS. 36 000 van deze SARs werden aanvaard en zullen toegekend worden bij het vervallen van de aanvaardingstermijn op 31 maart 2015. De uitoefenprijs bedraagt € 25,45. De toegekende SARs vertegenwoordigen een reële waarde van € 0,3 miljoen.
  • Op 18 december 2014 werden in totaal 44 700 Stock Appreciation Rights aangeboden in het kader van de overige SAR-regelingen. Al deze SARs werden aanvaard en werden toegekend op 16 februari 2015. De uitoefenprijs bedraagt € 26,055. De toegekende SARs vertegenwoordigen een reële waarde van € 0,3 miljoen.
  • Op 30 januari 2015 hebben Bekaert en zijn Chileense partners (via Matco Cables SpA) de 'Bekaert Rope Group' gecreëerd, waarbinnen men respectievelijk 65% en 35% van de staalkabelactiviteiten in Canada, Chili, Peru, Brazilië en de Verenigde Staten aanhoudt. Bekaert heeft zijn belang in Prodinsa SA (Chili), Procables SA (Peru) en Wire Rope Industries Ltd (Canada) doen toenemen van 52% tot ongeveer 65% en verkocht 35% van de minderheidsbelangen in Bekaert Cimaf Cabos Ltda (Brazilië) en Wire Rope Industries USA Inc (VS) aan Matco Cables SpA.
  • Op 5 februari 2015 heeft Bekaert bekend gemaakt dat een overeenkomst werd gesloten met Arrium Ltd uit Australië. Hiermee heeft Bekaert de intentie om de kabelactiviteiten van Arrium Ltd te verwerven. De overeenkomst heeft betrekking op al het personeel en de activa van het bedrijf in Newcastle (Australië). Er wordt verwacht dat de transactie ongeveer € 40 miljoen op jaarbasis zal toevoegen aan de geconsolideerde omzet en de transactie heeft een ondernemingswaarde van ongeveer € 60 miljoen. Op 2 maart 2015 heeft Bekaert samen met zijn Chileense partners (via Matco Cables SpA) de overeenkomst succesvol afgerond en de entiteit opgenomen in de Bekaert Rope Group.
  • Op 5 februari 2015 heeft Bekaert 100% van de aandelen verworven van de voormalige Pirelli staalkoordentiteit in Izmit, Turkije. De financiële informatie van deze entiteit zal worden opgenomen in het geconsolideerd overzicht vanaf 1 februari 2015. Het sluiten van de overeenkomst in Turkije volgt op de eigendomsoverdracht van de staalkoordfabrieken in Figline (Italië), Slatina (Roemenië) en Sumaré (Brazilië) zoals aangekondigd op 18 december 2014. De overeenkomst omvat eveneens de staalkoordactiviteiten van Pirelli in Yanzhou (China). Het sluiten van de overeenkomst voor deze vijfde entiteit zal plaatsvinden wanneer de respectieve wettelijke goedkeuringen zijn bekomen.
  • Op 27 februari 2015 hebben Bekaert en Groz-Beckert een overeenkomst ondertekend met betrekking tot de verkoop van de Carding Solutions activiteiten van Bekaert aan Groz-Beckert, een globale onderneming met hoofdzetel in Albstadt, Duitsland. De overeenkomst betreft de productievestigingen van Carding Solutions in België, India, China en de Verenigde Staten, en het wereldwijde verkoops- en dienstennetwerk. Het activiteitenplatform stelt momenteel 350 werknemers tewerk en genereert een jaarlijkse omzet van € 26 miljoen.

7.7. Opdrachten uitgevoerd door de Commissaris en aanverwante personen

Gedurende 2014 werden er door de commissaris en met hem beroepshalve in samenwerkingsverband opererende personen bijkomende opdrachten uitgevoerd ten belope van € 1 040 924.

Deze opdrachten betroffen in essentie verdere assurance-opdrachten (€ 46 375), belastingadviesdiensten (€ 872 647) en andere niet-controlediensten (€ 121 902).

De bijkomende opdrachten werden goedgekeurd door het Audit en Finance Comité.

De vergoedingen voor controlediensten voor NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen bedroegen € 1 693 989.

7.8. Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen

Vennootschappen die deel uitmaken van de Groep op 31 december 2014

Dochterondernemingen

Met industriële activiteit Adres %
EMEA
Bekaert Bohumín sro
Bekaert Carding Solutions NV
Bekaert Combustion Technology BV
Bekaert Figline Srl
Bekaert Hlohovec as
Bekaert Izmit Celik Kord Sanayi ve Ticaret AS
Bekaert Petrovice sro
Bekaert Sardegna SpA
Bekaert Slatina SRL
Bekaert Slovakia sro
Bekintex NV
Cold Drawn Products Ltd
Industrias del Ubierna SA
OOO Bekaert Lipetsk
Solaronics SA
Bohumín, Tsjechië
Deerlijk, België
Assen, Nederland
Milaan, Italië
Hlohovec, Slovakije
Izmit, Turkije
Petrovice, Tsjechië
Assemini, Italië
Slatina, Roemenië
Sládkovičovo, Slovakije
Wetteren, België
Bradford, Verenigd Koninkrijk
Burgos, Spanje
Gryazi, Rusland
Armentières, Frankrijk
100
100
100
100
100
100
100
100
80
100
100
100
100
100
100
Noord-Amerika
Bekaert Canada Ltd
Bekaert Corporation
Wire Rope Industries Ltd
Wire Rope Industries USA Inc
Surrey, Canada
Wilmington (Delaware), Verenigde Staten
Pointe-Claire, Canada
Wilmington (Delaware), Verenigde Staten
100
100
52
100
Latijns-Amerika
Acma SA
Acmanet SA
Bekaert Cimaf Cabos Ltda
Bekaert Costa Rica SA
Bekaert Sumaré Ltda
BIA Alambres Costa Rica SA
Ideal Alambrec SA
Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA
Procables SA
Prodinsa SA
Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS
Productos de Acero Cassadó SA
Vicson SA
Santiago, Chili
Talcahuano, Chili
São Paulo, Brazilië
San José-Santa Ana, Costa Rica
Sumaré, Brazilië
San José-Santa Ana, Costa Rica
Quito, Ecuador
Talcahuano, Chili
Callao, Peru
Maipú, Chili
Bogotá, Colombia
Callao, Peru
Valencia, Venezuela
52
52
100
58
100
58
58
52
50
52
80
38
80
Pacifisch Azië
Bekaert Ansteel Tire Cord (Chongqing) Co Ltd
Bekaert Binjiang Advanced Products Co Ltd
Bekaert Binjiang Steel Cord Co Ltd
Bekaert Carding Solutions Pvt Ltd
Bekaert (China) Technology Research and Development Co Ltd
Bekaert (Huizhou) Steel Cord Co Ltd
Bekaert Industries Pvt Ltd
Bekaert-Jiangyin Wire Products Co Ltd
Bekaert Mukand Wire Industries Pvt Ltd
Bekaert New Materials (Suzhou) Co Ltd
Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd
Bekaert (Shandong) Tire Cord Co Ltd
Bekaert Shenyang Advanced Products Co Ltd
Bekaert Southern Speciality Wire Sdn Bhd
Bekaert Southern Wire Sdn Bhd
Bekaert Toko Metal Fiber Co Ltd
Bekaert (Xinyu) New Materials Co Ltd
China Bekaert Steel Cord Co Ltd
PT Bekaert Indonesia
Chongqing, China
Jiangyin (provincie Jiangsu), China
Jiangyin (provincie Jiangsu), China
Pune, India
Jiangyin (provincie Jiangsu), China
Huizhou (provincie Guangdong), China
Taluka Shirur, District Pune, India
Jiangyin (provincie Jiangsu), China
Pune, India
Suzhou (provincie Jiangsu), China
Qingdao (provincie Shandong), China
Weihai (provincie Shandong), China
Shenyang (provincie Liaoning), China
Kuala Lumpur, Maleisië
Kuala Lumpur, Maleisië
Tokio, Japan
Xinyu City (provincie Jiangxi), China
Jiangyin (provincie Jiangsu), China
Karawang, Indonesië
50
90
90
100
100
100
100
82
100
100
100
100
100
55
55
70
75
90
100
PT Bekaert Southern Wire Karawang, Indonesië 55
Shanghai Bekaert-Ergang Co Ltd Shanghai, China 70
Wuxi Bekaert Textile Machinery and Accessories Co Ltd Wuxi (provincie Jiangsu), China 100

Verkoopkantoren, magazijnen en andere Adres %

EMEA
Barnards Unlimited Bradford, Verenigd Koninkrijk 100
Bekaert AS
Bekaert Carding Solutions Ltd
Vejle, Denemarken
Bradford, Verenigd Koninkrijk
100
100
Bekaert Carding Solutions SAS Armentières, Frankrijk 100
Bekaert Emirates LLC Dubai, Verenigde Arabische Emiraten 49
Bekaert France SAS Antony, Frankrijk 100
Bekaert Ges mbH Wenen, Oostenrijk 100
Bekaert GmbH Neu-Anspach, Duitsland 100
Bekaert Ltd Bradford, Verenigd Koninkrijk 100
Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA Aalst (Erembodegem) , België 50
Bekaert Middle East LLC Dubai, Verenigde Arabische Emiraten 49
Bekaert Norge AS Frogner, Noorwegen 100
Bekaert Poland Sp z oo
Bekaert (Schweiz) AG
Warschau, Polen
Baden, Zwitserland
100
100
Bekaert Svenska AB Göteborg, Zweden 100
Bekaert Tarak Aksesuarlari ve Makineleri Ticaret AS Istanboel, Turkije 100
Lane Brothers Engineering Industries
Leon Bekaert SpA
Bradford, Verenigd Koninkrijk
Trezzano Sul Naviglio, Italië
100
100
OOO Bekaert Wire Moskou, Rusland 100
Rylands-Whitecross Ltd Bradford, Verenigd Koninkrijk 100
Scheldestroom NV Zwevegem, België 100
Sentinel Garden Products Ltd Bradford, Verenigd Koninkrijk 100
Sentinel Wire Fencing Ltd Bradford, Verenigd Koninkrijk 100
Sentinel (Wire Products) Ltd Bradford, Verenigd Koninkrijk 100
Solaronics GmbH Achim, Duitsland 100
Tinsley Wire Ltd Bradford, Verenigd Koninkrijk 100
Twil Company Bradford, Verenigd Koninkrijk 100
Bekaert Carding Solutions Inc / Bekaert Solutions de Cardage Inc Saint John, Canada 100
Bekaert Specialty Films de Mexico SA de CV Monterrey, Mexico 100
Bekaert Trade Mexico S de RL de CV Mexico Stad, Mexico 100
Specialty Films de Services Company SA de CV Monterrey, Mexico 100

Noord-Amerika

Bekaert Guatemala SA Guatemala Stad, Guatemala 100
Bekaert Trade Latin America NV Curaçao, Nederlandse Antillen 100
Prodac Contrata SAC Callao, Peru 38
Prodac Selva SAC Ucayali, Peru 38
Prodalam SA Santiago, Chili 52
Prodinsa Ingeniería y Proyectos SA Santiago, Chili 52

Pacifisch Azië

Bekaert Advanced Products (Shanghai) Co Ltd Shanghai, China 100
Bekaert Japan Co Ltd Tokio, Japan 100
Bekaert Korea Ltd Seoel, Korea 100
Bekaert Management (Shanghai) Co Ltd Shanghai, China 100
Bekaert Singapore Pte Ltd Singapore 100
Bekaert Taiwan Co Ltd Taipei, Taiwan 100
Cempaka Raya Sdn Bhd Kuala Lumpur, Maleisië 55
PT Bekaert Trade Indonesia Karawang, Indonesië 100
Financiële ondernemingen Adres %
Acma Inversiones Canada SA
Acma Inversiones SA
Becare Ltd
Bekaert Building Products Hong Kong Ltd
Bekaert Carding Solutions Hong Kong Ltd
Bekaert Coördinatiecentrum NV
Bekaert do Brasil Ltda
Bekaert Holding Hong Kong Ltd
Bekaert Ibérica Holding SL
Bekaert Ideal SL
Bekaert Investments NV
Bekaert Investments Italia SpA
Bekaert North America Management Corporation
Bekaert Sàrl
Bekaert Services Hong Kong Ltd
Bekaert Southern Wire Pte Ltd
Bekaert Specialty Wire Products Hong Kong Ltd
Bekaert Stainless Products Hong Kong Ltd
Bekaert Steel Cord Products Hong Kong Ltd
Bekaert Strategic Partnerships Hong Kong Ltd
Bekaert Wire Products Hong Kong Ltd
Bekaert Wire Rope Industry NV
Bekaert Xinyu Hong Kong Ltd
Impala SA
Industrias Acmanet Ltda
Inversiones Bekaert Andean Ropes Ltda
InverVicson SA
Procables Wire Ropes SA
Procercos SA
Talcahuano, Chili
Talcahuano, Chili
Dublin, Ierland
Hong Kong, China
Hong Kong, China
Zwevegem, België
Contagem, Brazilië
Hong Kong, China
Burgos, Spanje
Burgos, Spanje
Zwevegem, België
Trezzano Sul Naviglio, Italië
Wilmington (Delaware), Verenigde Staten
Luxemburg, Luxemburg
Hong Kong, China
Singapore
Hong Kong, China
Hong Kong, China
Hong Kong, China
Hong Kong, China
Hong Kong, China
Zwevegem, België
Hong Kong, China
Panama, Panama
Talcahuano, Chili
Santiago, Chili
Valencia, Venezuela
Maipú, Chili
Talcahuano, Chili
52
52
100
100
100
100
100
100
100
80
100
100
100
100
100
55
100
100
100
100
100
100
100
52
52
100
80
52
52
Joint ventures
Met industriële activiteit
Adres %
Latijns-Amerika
Belgo Bekaert Arames Ltda
BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda
Contagem, Brazilië
Vespasiano, Brazilië
45
45
Pacifisch Azië
Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd Xinyu City (provincie Jiangxi), China 50
Verkoopkantoren, magazijnen en andere Adres %
EMEA
Netlon Sentinel Ltd Blackburn, Verenigd Koninkrijk 50
Pacifisch Azië
Bekaert Engineering (India) Pvt Ltd
BOSFA Pty Ltd
New Delhi, India
Port Melbourne, Australië
40
50

Wijzigingen in 2014

1. Nieuwe deelnemingen

Dochterondernemingen Adres %
Acma Inversiones Canada SA Talcahuano, Chili 52
Bekaert Wire Rope Industry NV Zwevegem, België 100
Inversiones Bekaert Andean Ropes Ltda Santiago, Chili 100
Procables Wire Ropes SA Maipú, Chili 52
Procercos SA Talcahuano, Chili 52
Prodinsa SA Maipú, Chili 52

2. Dochterondernemingen verworven uit bedrijfscombinaties

Subsidiaries Address
Bekaert Cimaf Cabos Ltda São Paulo, Brazilië From 45% to 100%
Bekaert Figline Srl Milaan, Italië From 0% to 100%
Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA Aalst (Erembodegem), België From 0% to 50%
Bekaert Slatina SRL Slatina, Roemenië From 0% to 80%
Bekaert Sumaré Ltda Sumaré, Brazilië From 0% to 100%
BIA Alambres Costa Rica SA San José-Santa Ana, Costa Rica From 0% to 58%

3. Wijzigingen in deelnemingspercentage met behoud van zeggenschap

Dochterondernemingen Adres
Bekaert Costa Rica SA San José-Santa Ana, Costa Rica From 80% to 58%
Bekaert Mukand Wire Industries Pvt Ltd Pune, India From 94% to 100%
Ideal Alambrec SA Quito, Ecuador From 80% to 58%
Wire Rope Industries USA Inc Wilmington (Delaware), Verenigde
Staten
From 52% to 100%
Wuxi Bekaert Textile Machinery and Accessories Co Ltd Wuxi (provincie Jiangsu), China From 75% to 100%
4. Fusies / omvormingen
Dochterondernemingen Gefusioneerd met
Productos de Acero SA Prodinsa Prodinsa S.A.
5. Naamswijzigingen
Nieuwe naam Vorige naam
Wire Rope Industries USA Inc Wire Rope Industries Inc
6. Gesloten
Ondernemingen Adres
Bekaert Combustion Technology Ltd Solihull, Verenigd Koninkrijk

In overeenstemming met de Belgische wetgeving geeft onderstaande tabel de kruispuntbanknummers van de Belgische ondernemingen weer.

Bekaert Faser Vertriebs GmbH Idstein, Duitsland Bekaert Specialty Films Hong Kong Hong Kong, China

Ondernemingen Kruispuntbanknummer
Bekaert Carding Solutions NV BTW BE 0405.443.271 RPR Kortrijk
Bekaert Coördinatiecentrum NV BTW BE 0426.824.150 RPR Kortrijk
Bekaert Investments NV BTW BE 0406.207.096 RPR Kortrijk
Bekaert Maccaferri Underground Solutions BVBA BTW BE 0561.750.457 RPR Dendermonde
Bekaert Wire Rope Industry NV BTW BE 0550 983 358 RPR Kortrijk
Bekintex NV BTW BE 0452.746.609 RPR Dendermonde
NV Bekaert SA BTW BE 0405.388.536 RPR Kortrijk
Scheldestroom NV BTW BE 0403.676.188 RPR Kortrijk

Informatie met betrekking tot de moedervennootschap

Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA

Het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap NV Bekaert SA worden hierna in verkorte vorm weergegeven.

Het verslag van de Raad van Bestuur ex artikel 96 van het Wetboek van vennootschappen is niet integraal opgenomen in het verslag ex artikel 119.

Exemplaren van het volledig verslag van de Raad van Bestuur en van de volledige statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA zijn op verzoek gratis beschikbaar op volgend adres:

NV Bekaert SA President Kennedypark 18 BE-8500 Kortrijk België www.bekaert.com

De Commissaris heeft een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud gegeven met betrekking tot de statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA.

Conform de wet zullen het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de jaarrekening van NV Bekaert SA samen met het verslag van de Commissaris worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.

Verkorte resultatenrekening

2013
in duizend € - Jaren afgesloten op 31 december
2014
Omzet
386 339
413 834
Bedrijfsresultaat
-4 122
44 843
Financieel resultaat
5 644
7 062
Uitzonderlijke resultaat
61 009
18 046
Winstbelastingen
1 013
1 303
Perioderesultaat
63 544
71 254

Verkorte balans na resultaatsverwerking

in duizend € - 31 december 2013 2014
Vaste activa 2 156 880 2 369 972
Oprichtingskosten en immateriële vaste activa 28 327 77 307
Materiële vaste activa 33 298 30 894
Financiële vaste activa 2 095 255 2 261 771
Vlottende activa 282 046 376 039
Totaal der activa 2 438 926 2 746 011
Eigen vermogen 505 637 530 209
Kapitaal 176 773 176 914
Uitgiftepremies 31 055 31 693
Herwaarderingsmeerwaarden 1 995 1 995
Wettelijke reserve 17 677 17 691
Onbeschikbare reserves 42 507 145 940
Beschikbare reserves en overgedragen resultaten 235 630 155 976
Voorzieningen en uitgestelde belastingen 77 635 69 421
Schulden 1 855 654 2 146 381
Schulden op meer dan een jaar 1 145 764 1 045 764
Schulden op ten hoogste een jaar 709 890 1 100 617
Totaal der passiva 2 438 926 2 746 011

Waarderingsregels

De waarderings- en omrekeningsregels gebruikt voor de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap zijn gebaseerd op het Belgisch boekhoudrecht.

Samenvatting van het jaarverslag van de Raad van Bestuur

De omzet van de in België gevestigde vennootschap bedroeg € 413,8 miljoen, een verhoging met 7% in vergelijking met 2013.

De operationeel winst bedroeg € 44,8 miljoen, tegenover een bedrijfsverlies van € -4,1 miljoen vorig jaar. Een toename van de marge, voortvloeiend uit de verlengde toepassing van de kapitalisatie van R&D projectkosten en de terugname van voorzieningen, zijn de belangrijkste redenen voor een stijging van het operationeel verlies.

De financiële resultaten stegen tot € 7,1 miljoen tegenover een winst van € 5,6 miljoen in 2013, omwille van hogere dividendinkomsten (2014: € 62,6 miljoen vergeleken met € 48,7 miljoen in 2013), de herwaardering van eigen aandelen (2014: € 2,2 miljoen vergeleken met € 6.7 miljoen in 2013) en andere financiële kosten.

De uitzonderlijke resultaten bedroegen € 18,0 miljoen, hoofdzakelijk als gevolg van de winst bij de verkoop van immateriële en materiële vaste activa en uitzonderlijke afschrijvingen. Vorig jaar was het uitzonderlijk resultaat van € 61 miljoen hoofdzakelijk het gevolg van de winst uit de verkoop van materiële vaste activa en waardeverminderingen op financiële vaste activa.

De combinatie van enerzijds de bedrijfswinst en anderzijds het financieel en uitzonderlijk resultaat verklaren het perioderesultaat van € 71,3 miljoen in vergelijking met € 63,5 miljoen in 2013.

Milieuprogramma's

De voorziening voor milieusaneringsprogramma's is gedaald tot € 23,2 miljoen (2013: € 30,3 miljoen).

Informatie omtrent onderzoek en ontwikkeling

Meer informatie omtrent de activiteiten van de onderneming inzake onderzoek en ontwikkeling vindt u in het hoofdstuk 'Technologie en Innovatie' in het 'Verslag van de Raad van Bestuur'.

Deelnemingen in het kapitaal

Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft NV Bekaert SA aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,50% toegevoegd. Hierna volgt een overzicht van de actuele kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer. Op 31 december 2014 bedroeg het totale aantal effecten met stemrecht 60 111 405.

Kennisgeving van 17 december 2014

Kennisgever Aantal
aandelen
Percentage
t.o.v. totaal
aantal aandelen
Stichting Administratiekantoor Bekaert 22 370 001 37,22%
Velge International NV 57 000 0,09%
Berfin SA 108 470 0,18%
Gedecor SA 75 000 0,12%
Millenium 3 SA 130 200 0,22%
Zweve (maatschap) 220 000 0,37%
Totaal 22 960 671 38,21%

De kennisgevers hebben aangegeven in onderling overleg te handelen in die zin dat ze een akkoord hebben gesloten (a) dat ertoe strekt de controle te verkrijgen, het welslagen van een bod te beletten dan wel de controle te handhaven, en (b) aangaande de onderling afgestemde uitoefening van stemrechten, om een duurzaam gemeenschappelijk beleid te voeren.

De Stichting Administratiekantoor Bekaert wordt niet gecontroleerd. Velge International NV wordt gecontroleerd door een persoon, via Noral SA en haar in volledige eigendom gehouden dochteronderneming Triplex SA. Berfin SA wordt gecontroleerd door een persoon. Gedecor SA wordt gezamenlijk gecontroleerd door twee personen. Millenium 3 SA wordt gecontroleerd door een persoon, via Charisa SA. Zweve (maatschap) is gezamenlijke eigendom van zeven personen.

Kennisgeving van 20 augustus 2014

Kennisgever Aantal
aandelen
Percentage
t.o.v. totaal
aantal aandelen
Stichting Administratiekantoor Bekaert 22 370 001 37,23%
NV Bekaert SA 3 005 875 5,00%
Totaal 25 375 876 42,23%

Stichting Administratiekantoor Bekaert is de controlerende persoon van de onderneming.

Op 8 december 2007 had de Stichting Administratiekantoor Bekaert, krachtens artikel 74 van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen, gemeld op 1 september 2007 alleen in het bezit te zijn van meer dan 30% van de effecten met stemrecht van Bekaert.

Voorstel van resultaatsverwerking NV Bekaert SA 2014

Het resultaat van het boekjaar na belastingen bedraagt € 71 254 650 tegenover € 63 544 449 vorig boekjaar.

De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering van 13 mei 2015 het resultaat als volgt zal bestemmen:

in €
Te bestemmen resultaat van het boekjaar 71 254 650
Overgedragen winst van het vorig boekjaar 13 868 834
Toevoeging aan de wettelijke reserve -14 100
Over te dragen winst -37 648 448
Uit te keren winst 47 460 936

De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering een brutodividend zal uitkeren van € 0,85 per aandeel (2013: € 0,85 per aandeel).

Het dividend is in euro betaalbaar op 19 mei 2015 bij de loketten van:

  • ING Belgium, BNP Paribas Fortis, KBC Bank, Bank Degroof en Belfius Bank in België;
  • Société Générale in Frankrijk;
  • ABN AMRO Bank in Nederland;
  • UBS in Zwitserland.

Statutaire benoemingen

De ambtstermijn van de bestuurders Heren Bert De Graeve, Leon Bekaert, Roger Dalle, Charles de Liedekerke, Hubert Jacobs van Merlen en Maxime Jadot en van de onafhankelijk bestuurder Dr Manfred Wennemer vervallen na afloop van de Gewone Algemene Vergadering van 13 mei 2015. In verband met de door het Bekaert Corporate Goverance Charter bepaalde leeftijdsgrens is Mr Roger Dalle niet herverkiesbaar. De Raad van Bestuur heeft Dr Gregory Dalle als bestuurder voorgedragen.

De Raad van Bestuur heeft de Algemene Vergadering voorgesteld:

  • Heren Bert De Graeve, Leon Bekaert, Charles de Liedekerke, Hubert Jacobs van Merlen en Maxime Jadot te herbenoemen als bestuurder voor een periode van vier jaar, tot en met de Gewone Algemene Vergadering in 2019;
  • Dr Manfred Wennemer te herbenoemen als onafhankelijke bestuurder voor een periode van één jaar, tot en met de Gewone Algemene Vergadering in 2016;
  • Dr Gregory Dalle te benoemen als bestuurder voor een periode van vier jaar, tot en met de Gewone Algemene Vergadering in 2019.

Verslag van de commissaris

Bedrijfsrevisoren / Reviseurs d'Entreprises Berkenlaan 8b B-1831 Diegem

Tel.: +32 2 800 20 00 Fax: +32 2 800 20 01 http://www.deloitte.be

NV Bekaert SA Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering over de geconsolideerde jaarrekening afgesloten op 31 december 2014

Aan de aandeelhouders

Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening, en omvat tevens ons verslag over andere door wet- en regelgeving gestelde eisen. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2014, de geconsolideerde winst- en verliesrekening, het geconsolideerde overzicht van het volledig perioderesultaat, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor het boekjaar eindigend op die datum, alsmede een overzicht van de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en toelichtingen.

Verslag over de geconsolideerde jaarrekening – Oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA ("de vennootschap") en haar dochterondernemingen (samen "de groep"), opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. De totale activa in de geconsolideerde balans bedragen 3.957.715 (000) EUR en de geconsolideerde winst (aandeel van de groep) van het boekjaar bedraagt 87.176 (000) EUR.

Verantwoordelijkheid van de raad van bestuur voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening

De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor het implementeren van een interne controle die ze noodzakelijk acht voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat, die het gevolg is van fraude of van fouten.

Verantwoordelijkheid van de commissaris

Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle volgens de internationale controlestandaarden (International Standards on Auditing - ISA) uitgevoerd. Die standaarden vereisen dat wij aan de deontologische vereisten voldoen alsook de controle plannen en uitvoeren teneinde een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijking van materieel belang bevat.

Een controle omvat werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de beoordeling door de commissaris, met inbegrip van diens inschatting van de risico's van een afwijking van

materieel belang in de geconsolideerde jaarrekening als gevolg van fraude of van fouten. Bij het maken van die risico-inschatting neemt de commissaris de interne controle van de groep in aanmerking die relevant is voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft, teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet gericht zijn op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne controle van de groep. Een controle omvat tevens een evaluatie van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving, de redelijkheid van de door de raad van bestuur gemaakte schattingen, alsmede de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening als geheel. Wij hebben van de aangestelden en van de raad van bestuur van de groep de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om daarop ons oordeel te baseren.

Oordeel zonder voorbehoud

Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de groep per 31 december 2014, en van haar resultaten en kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.

Verslag over andere door wet- en regelgeving gestelde eisen

De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en voor de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden, is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, de naleving van bepaalde wettelijke en reglementaire verplichtingen na te gaan. Op grond hiervan doen wij de volgende bijkomende verklaring die niet van aard is om de draagwijdte van ons oordeel over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:

• Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening behandelt de door de wet vereiste inlichtingen, stemt overeen met de geconsolideerde jaarrekening en bevat geen van materieel belang zijnde inconsistenties ten aanzien van de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.

Diegem, 25 maart 2015

De commissaris DELOITTE Bedrijfsrevisoren BV o.v.v.e. CVBA Vertegenwoordigd door

Joël Brehmen

Deloitte Bedrijfsrevisoren / Reviseurs d'Entreprises

Registered Office: Berkenlaan 8b, B-1831 Diegem

Burgerlijke vennootschap onder de vorm van een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid / Société civile sous forme d'une société coopérative à responsabilité limitée

VAT BE 0429.053.863 – RPR Brussel/RM Bruxelles – IBAN BE 17 2300 0465 6121 – BIC GEBABEBB

Per einde maart 2015:

Bekaert Group Executive

Matthew Taylor Gedelegeerd Bestuurder
Bruno Humblet Chief Financial Officer & Algemeen Directeur Regio Latijns-Amerika
Lieven Larmuseau Algemeen Directeur Rubber Reinforcement Platform
Curd Vandekerckhove Algemeen Directeur Regio' s Noord-Azië en Zuidoost-Azië
Geert Van Haver Chief Technology & Engineering Officer
Piet Van Riet Algemeen Directeur Industrial and Specialty Products Platform
Frank Vromant Algemeen Directeur Regio's Europa, Noord-Amerika en Zuid-Azië
Bart Wille Chief Human Resources Officer

Senior Vice Presidents

Senior Vice President Bekaert South East Asia
Senior Vice President Rubber Reinforcement ERMEA
Senior Vice President Group Business Development
Senior Vice President Technology, Rubber Reinforcement Platform
Senior Vice President Bekaert Stainless Technologies
Chief Purchasing Officer
Senior Vice President Rubber Reinforcement North Asia
Senior Vice President Bekaert Brazil
Senior Vice President - President Rubber Reinforcement North America &
President of Bekaert Corporation
Senior Vice President Latin America
Chief Marketing Officer
Senior Vice President Special Steel Wire
Senior Vice President Manufacturing Excellence
Senior Advisor to the CEO
Senior Vice President Global Ropes Platform

Company Secretary

Isabelle Vander Vekens

Commissaris

Deloitte Bedrijfsrevisoren

Communicatie Documentatie & Investor relations

T +32 56 23 05 71 [email protected] F +32 56 23 05 48 [email protected] [email protected]

Katelijn Bohez www.bekaert.com

Het jaarverslag betreffende het boekjaar 2014 is beschikbaar op het internet in het Engels en Nederlands op annualreport.bekaert.com

Uitgever & Coördinatie: Katelijn Bohez, Chief Communications & Investor Relations Officer

Financiële definities

Boekwaarde per aandeel Eigen vermogen toerekenbaar aan de Groep gedeeld door het aantal uitstaande
aandelen op balansdatum.
Dividendrendement Brutodividend als een percentage van de aandelenkoers op 31 december.
Dochterondernemingen Ondernemingen waarin Bekaert de zeggenschap heeft en over het algemeen meer
dan 50% van de stemrechten bezit.
EBIT Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation).
EBIT interestdekking Bedrijfsresultaat gedeeld door de nettorentelasten.
EBITDA (Bedrijfscashflow) Bedrijfsresultaat (EBIT) + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere
waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill.
Eenmalige opbrengsten
en kosten
Bedrijfsopbrengsten en -kosten in verband met herstructureringen, bijzondere
waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieu
voorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect
hebben.
Equity-methode Waarderingsmethode waarbij de deelneming (in een joint venture of geassocieerde
onderneming) initieel opgenomen wordt tegen kostprijs en later aangepast wordt
voor wijzigingen in het aandeel van de investeerder in de nettoactiva (= het eigen
vermogen) van de joint venture of geassocieerde onderneming. De winst-en
verliesrekening toont het aandeel van de investeerder in het nettoresultaat van de
joint venture of geassocieerde onderneming.
Financiële autonomie Eigen vermogen in verhouding tot totaal activa.
Gearing Nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen.
Geassocieerde
ondernemingen
Ondernemingen waarin Bekaert een invloed van betekenis heeft,
meestal vertegenwoordigd door een belang van minstens 20%. Geassocieerde
ondernemingen worden gewaardeerd volgens de equity-methode.
Gezamenlijke cijfers Som van de geconsolideerde vennootschappen plus 100% van de joint ventures en
de geassocieerde ondernemingen, na eliminatie van onderlinge transacties (indien
van toepassing). Voorbeelden: omzet, investeringen, personeelsaantal.
Joint ventures Ondernemingen met een gezamenlijke zeggenschap waarbij Bekaert ongeveer 50%
bezit. Joint ventures worden gewaardeerd volgens de equity-methode.
Kapitaalgebruik Werkkapitaal + nettoboekwaarde van goodwill, immateriële en materiële vaste activa.
Het gemiddeld kapitaalgebruik wordt gewogen met het aantal perioden dat een
entiteit bijgedragen heeft tot het geconsolideerd perioderesultaat.
Nettokapitalisatie Nettoschuld + eigen vermogen.
Nettoschuld Rentedragende schulden, verminderd met vorderingen uit leningen,
geldbeleggingen, financiële vorderingen op ten hoogste één jaar en kaswaarborgen
op meer dan één jaar, geldmiddelen en kasequivalenten. Louter voor de berekening
van de schuld wordt bij de waardering van de rentedragende schulden rekening
gehouden met het effect van cross-currency interest-rate swaps (of gelijkaardige
financiële instrumenten) die deze schulden omzetten in de functionele valuta van de
entiteit.
REBIT Bedrijfsresultaat (EBIT) vóór eenmalige opbrengsten en kosten.
ROCE Bedrijfsresultaat (EBIT) in verhouding tot gemiddeld kapitaalgebruik. (Return on
Capital Employed).
ROE Perioderesultaat in verhouding tot gemiddeld eigen vermogen (Return on Equity).
Toegevoegde waarde Bedrijfsresultaat (EBIT) + bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen
+ afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van
activa en negatieve goodwill.
Werkkapitaal (operationeel) Voorraden + handelsvorderingen + ontvangen bankwissels + betaalde
voorschotten - handelsschulden - ontvangen voorschotten - schulden m.b.t.
verloning en sociale zekerheid - belastingen m.b.t. personeel.

Verklaring van de verantwoordelijke personen

De ondertekenende personen verklaren dat, voorzover hen bekend:

  • de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen per
  • 31 december 2014 opgesteld is overeenkomstig de International Financial Reporting Standards, en een getrouw beeld geeft van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen; en
  • het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsmede een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.

Namens de Raad van Bestuur:

Matthew Taylor Bert De Graeve Gedelegeerd Bestuurder Voorzitter van de Raad van Bestuur

Disclaimer

Dit rapport kan toekomstgerichte verklaringen bevatten. Die verklaringen reflecteren de huidige inzichten van de bedrijfsleiding aangaande toekomstige gebeurtenissen, en zijn onderhevig aan bekende en onbekende risico's, onzekerheden en andere factoren die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten aanzienlijk verschillen van toekomstige resultaten of prestaties die door die toekomstgerichte verklaringen worden uitgedrukt of die daaruit zouden kunnen worden afgeleid. Bekaert verstrekt de in dit rapport opgenomen informatie per huidige datum en neemt geen enkele verplichting op om de toekomstgerichte verklaringen in het licht van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderszins te actualiseren. Bekaert wijst elke aansprakelijkheid af voor verklaringen die door derden worden afgelegd of gepubliceerd, en neemt geen enkele verplichting op om onnauwkeurige gegevens, informatie, conclusies of opinies te corrigeren die door derden worden gepubliceerd met betrekking tot dit of enig ander rapport of persbericht dat door Bekaert wordt verspreid.

Financiële kalender

Activiteitenverslag 1ste kwartaal 2015 13 mei 2015
Algemene Vergadering van aandeelhouders 13 mei 2015
Ex-dividend 15 mei 2015
Betaalbaarstelling dividend 19 mei 2015
Halfjaarresultaten 2015 31 juli 2015
Activiteitenverslag 3de kwartaal 2015 13 november 2015
Resultaten 2015 26 februari 2016
Jaarverslag 2015 beschikbaar op internet 25 maart 2016
Activiteitenverslag 1ste kwartaal 2016 11 mei 2016
Algemene Vergadering van aandeelhouders 11 mei 2016
Ex-dividend 12 mei 2016
Betaalbaarstelling dividend 16 mei 2016
Halfjaarresultaten 2016 29 juli 2016
Activiteitenverslag 3de kwartaal 2016 18 november 2016

Meer weten over Bekaert ?

www.bekaert.com

Aandeelhoudersbrochure 2014: investor's data center op bekaert.com

NV Bekaert SA President Kennedypark 18 BE-8500 Kortrijk België T +32 56 23 05 11 F +32 56 23 05 43 [email protected] www.bekaert.com

© Bekaert 2015

Talk to a Data Expert

Have a question? We'll get back to you promptly.