AI Terminal

MODULE: AI_ANALYST
Interactive Q&A, Risk Assessment, Summarization
MODULE: DATA_EXTRACT
Excel Export, XBRL Parsing, Table Digitization
MODULE: PEER_COMP
Sector Benchmarking, Sentiment Analysis
SYSTEM ACCESS LOCKED
Authenticate / Register Log In

Banque nationale de Belgique

Notice of Dividend Amount Mar 27, 2024

3923_rns_2024-03-27_39030e32-f00c-4206-a333-fdc15b330ddf.pdf

Notice of Dividend Amount

Open in Viewer

Opens in native device viewer

2024-03-27

Gereglementeerde informatie (voorwetenschap) verspreid door de Nationale Bank van België op 27 maart 2024 om 17u45 CET.

Bijwerking van het reserverings- en dividendbeleid van de Nationale Bank van België

Om rekening te houden met de recentelijk gewijzigde omstandigheden, met substantiële verliezen gedurende meerdere boekjaren1, heeft de Bank het opportuun geacht om haar reserverings- en dividendbeleid bij te werken, dat in 2016 voor het laatst werd aangepast.

Deze bijwerking past in het kader dat door artikel 32 van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België wordt bepaald. Het 'cascademechanisme' dat sinds 2009 onafgebroken wordt toegepast als methodologie voor de bestemming van het resultaat, wordt daarbij niet gewijzigd. Deze bijwerking heeft daarentegen tot doel de toepassing van dit mechanisme op de verschillende scenario's die zich kunnen voordoen inzake jaarresultaat en stand van de financiële buffers te verduidelijken.

Daarbij wordt prioriteit gegeven aan het herstel van de reserves van Bank en vervolgens aan de dividenduitkering. Pas wanneer de reserves het minimumniveau bereiken - dat aan de hand van de berekeningsmethodologie voor de financiële risico's wordt bepaald - ontstaat opnieuw ruimte voor de uitkering van een winstsaldo aan de Belgische Staat.

Zodoende wordt er met deze bijwerking, overeenkomstig de in de organieke wet en het Corporate governance charter van de Bank opgenomen beginselen, voor gezorgd dat er een evenwicht wordt behouden tussen de belangen van de Bank, haar aandeelhouders en de Staat in zijn hoedanigheid van soeverein, en dat ondanks de beperkingen ten gevolge van de verliezen die zich voor de komende jaren aankondigen.

De belangrijkste elementen van het reserverings- en dividendbeleid, zoals bijgewerkt, kunnen als volgt worden samengevat:

    1. De reserves worden gebruikt om de verliezen op te vangen: de verliezen worden in de eerste plaats gedekt door de beschikbare reserve, daarna door het reservefonds, verminderd met de afschrijvingsrekeningen voor materiële en immateriële vaste activa. Deze kunnen namelijk niet worden aangewend tot herstel van verliezen of aanvulling van winsten.
    1. De overdracht van verliezen na uitputting van de reserves: in geval van totale uitputting van de reserves, worden de verliezen volledig overgedragen.
    1. De jaarlijkse winsten worden in de eerste plaats aangewend om overgedragen verliezen aan te zuiveren: zolang er overgedragen verliezen zijn, wordt de winst volledig aangewend om deze verliezen aan te zuiveren, met uitzondering van het bedrag dat nodig is om het eerste dividend toe te kennen.
  • 4. De jaarlijkse winsten worden vervolgens aangewend om de reserves opnieuw op te bouwen: zodra de overgedragen verliezen zijn aangezuiverd, worden de winsten volledig aangewend om de reserves opnieuw op te bouwen, met uitzondering van het bedrag dat nodig is om het eerste en tweede dividend toe te kennen. Wanneer de reserves het minimumniveau overschrijden dat aan de hand van de berekeningsmethodologie voor de financiële risico's wordt bepaald, wordt nog steeds 75 % van de winsten aangewend om de reserves verder op te bouwen tot het gewenste niveau op middellange termijn, zoals bepaald volgens deze methodologie. Door de reservering van de winsten

groeit eveneens de berekeningsbasis van het toekomstige tweede dividend (zie infra onder punt 6). Wanneer de reserves het gewenste niveau overschrijden, beslist de Regentenraad ieder jaar of een extra toevoeging aan de reserves noodzakelijk is in het licht van de risico-ontwikkelingen.

    1. Uitkering van het 1ste dividend: in geval van toereikende jaarwinst keert de Bank een eerste dividend uit (€ 1,5 per aandeel). Bij gebrek aan voldoende winst of in geval van verliezen, wordt het eerste dividend gegarandeerd door de beschikbare reserve en het reservefonds.
    1. Uitkering van het 2de dividend: het tweede dividend wordt door de Regentenraad vastgesteld op 50 % van de netto-opbrengst van de activa die de tegenpost vormen van de reserves. Zodra de overgedragen verliezen zijn aangezuiverd en bij voldoende jaarwinst wordt het tweede dividend uitgekeerd. Bij gebrek aan voldoende winst of in geval van verliezen, wordt het tweede dividend gegarandeerd door de beschikbare reserve, tenzij een terugneming op de beschikbare reserve zou leiden tot een niveau van de reserves dat lager ligt dan het minimumniveau.
    1. Toewijzing van het saldo aan de Staat: zolang de reserves het minimumniveau niet hebben bereikt, wordt er geen saldo aan de Staat toegewezen. Vervolgens ontwikkelt het saldo dat aan de Staat wordt toegekend zich in functie van de reservering van de winst in overeenstemming met punt 4.

De gedetailleerde regels van het reserverings- en dividendbeleid luiden als volgt:

Reserveringsbeleid

Het resultaat van het boekjaar is de eerste buffer voor het opvangen van verliezen. Een negatief resultaat wordt eerst ten laste gelegd van de beschikbare reserve. Vervolgens wordt het, indien nodig, gedekt door het reservefonds. Bij gebrek aan reserves wordt het overgedragen. De toekomstige winsten worden, na toekenning van het eerste dividend, bij voorrang bestemd voor de aanzuivering van de overgedragen verliezen.

Een raming van de becijferbare risico's is het uitgangspunt voor de bepaling van het minimumbedrag van de reserves. De financiële risico's van de Bank worden ofwel berekend volgens de value at risk/ expected shortfall-methodologie, waarvoor de Bank zeer voorzichtige parameters hanteert op het gebied van verdeling, probabiliteit en tijdshorizon, ofwel volgens scenario's/stresstests op lange termijn. Deze methodologieën worden ook door andere leden van het Eurosysteem toegepast.

Op basis van deze berekeningen bepaalt de Bank (i) het minimumniveau van de reserves om de geraamde risico's te dekken en (ii) het gewenste niveau van de reserves op middellange termijn, waarbij rekening wordt gehouden met uitzonderlijke restrisico's, met stressscenario's en met de risico's buiten de balans die snel zouden kunnen ontstaan ten gevolge van de opdrachten van de Bank als centrale bank.

Als de reserves lager liggen dan het minimumniveau, wordt de volledige winst aan de reserves toegevoegd, met uitzondering van het bedrag dat nodig is om het eerste en tweede dividend aan de aandeelhouders toe te kennen. Wanneer de reserves tussen het minimumniveau en het gewenste niveau op middellange termijn liggen, wordt 75 % van de winst aan de reserves toegevoegd. Als de reserves hoger zijn dan het gewenste niveau op middellange termijn, beslist de Regentenraad ieder jaar of een extra toevoeging aan de reserves noodzakelijk is in het licht van de risico-ontwikkelingen.

Bij de toetsing van de bestaande reserves aan de voormelde niveaus wordt geen rekening gehouden met de afschrijvingsrekeningen, aangezien die niet kunnen worden aangewend om verliezen te herstellen of winsten aan te vullen.

Gelet op het nagenoeg onbeschikbare karakter van het reservefonds en de verhouding van dit fonds tot het kapitaal, worden te reserveren winsten toegevoegd aan de beschikbare reserve.

de Berlaimontlaan 14 1000 Brussel

tel. + 32 2 221 46 28 www.nbb.be

Indien het peil van de reserves als te hoog wordt beschouwd, kunnen terugnemingen gebeuren op de beschikbare reserve. Ze dienen uitzonderlijk te zijn en terdege gemotiveerd. Dergelijke terugnemingen kunnen enkel worden uitgekeerd als dividend.

Dividendbeleid

  1. Het aan de aandeelhouders uitgekeerde dividend bestaat uit een eerste dividend van 6 % van het kapitaal en een tweede dividend dat door de Regentenraad wordt vastgesteld conform artikel 32, 3° van de organieke wet.

Het eerste dividend van € 1,5 per aandeel (6 % van het kapitaal) wordt gegarandeerd door zowel de beschikbare reserve als het reservefonds.

Het tweede dividend is door de Regentenraad vastgesteld op 50 % van de netto-opbrengst van de activa die de tegenpost vormen van de reserves ("de statutaire portefeuille").2

Onder netto-opbrengst dient verstaan het bedrag vermeld in de resultatenrekening ("opbrengsten van de statutaire beleggingen"), na correctie voor de tegenpost van het kapitaal en na aftrek van de vennootschapsbelasting aan het voor het boekjaar in kwestie effectief verschuldigde tarief.

Als de jaarwinst ontoereikend is, wordt het tweede dividend gegarandeerd door de beschikbare reserve, tenzij een terugneming op de beschikbare reserve zou leiden tot een peil van de reserves dat lager ligt dan het minimumniveau. De financiële soliditeit en onafhankelijkheid van de Bank primeren.

  1. Indien minder dan de helft van de netto-opbrengst van de statutaire portefeuille aan de reserves wordt toegevoegd, wordt de dotatie aan de reserves aangevuld tot ze 50 % van die netto-opbrengst bedraagt, voor zover het saldo van de winst na aftrek van een tweede dividend dat toelaat.

Indien de Bank geen dotaties meer zou verrichten aan haar reserves, wordt, bij voldoende winst, het tweede dividend verhoogd tot de volledige netto-opbrengst (100 %) van de statutaire portefeuille.

Het reserverings- en dividendbeleid garandeert aldus dat de netto-opbrengst van de statutaire portefeuille bij voldoende winst (en zodra de mogelijke overgedragen verliezen zijn aangezuiverd) ofwel wordt gereserveerd, waardoor de berekeningsbasis van het tweede dividend aangroeit, ofwel als tweede dividend rechtstreeks wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders. Het saldo dat aan de Staat wordt toegekend, bevat nooit enig deel van de netto-opbrengst van die portefeuille.

    1. Netto-opbrengsten van de verkoop van onroerende goederen worden, voor de toepassing van het reserverings- en dividendbeleid, volledig gelijkgesteld met opbrengsten van de statutaire portefeuille. Onder netto-opbrengsten wordt verstaan de opbrengsten na aftrek van alle kosten (inclusief belastingen) en van eventuele vervangingsinvesteringen in onroerende goederen.
    1. Billijkheid, transparantie en stabiliteit zijn kernelementen voor het reserverings- en dividendbeleid. Het is de uitdrukkelijke bedoeling om het hierboven uiteengezette beleid duurzaam toe te passen. Iedere aanpassing van het beleid zal terdege worden gemotiveerd en onmiddellijk worden bekendgemaakt.

2 Er zij aan herinnerd dat, in voorkomend geval, de winsten bij voorrang worden aangewend om de overgedragen verliezen aan te zuiveren, zonder dat het tweede dividend wordt gegarandeerd.

Talk to a Data Expert

Have a question? We'll get back to you promptly.